AI Terminal

MODULE: AI_ANALYST
Interactive Q&A, Risk Assessment, Summarization
MODULE: DATA_EXTRACT
Excel Export, XBRL Parsing, Table Digitization
MODULE: PEER_COMP
Sector Benchmarking, Sentiment Analysis
SYSTEM ACCESS LOCKED
Authenticate / Register Log In

Agfa-Gevaert NV

Annual Report Apr 10, 2020

3906_10-k_2020-04-10_fd052784-5f13-40e5-b7f1-88484419a935.pdf

Annual Report

Open in Viewer

Opens in native device viewer

AGFA-GEVAERT JAARVERSLAG 2019

Agfa-Gevaert Jaarverslag 2019

Inhoudstafel

Brief aan de aandeelhouders 4
Kerncijfers 2019 9
Bedrijfsprofiel 10
Agfa in de wereld 12
Hoogtepunten 2019 14

JAARVERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR AAN DE AANDEELHOUDERS VAN AGFA-GEVAERT NV NIET-FINANCIEEL RAPPORT

Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen 16
Onze strategische aanpak 17
Onze stakeholders 18
Onze materialiteitsmatrix 19
SDG's en strategische relevantie voor Agfa-Gevaert 20
Planet 22
People 41
Performance 56
FINANCIEEL RAPPORT
Commentaar bij de jaarrekeningen 62
Commentaar bij de geconsolideerde jaarrekening 63
Commentaar bij de jaarrekening van Agfa-Gevaert NV 66
BUSINESSACTIVITEITEN IN 2019 67
Radiology Solutions 68
Healthcare IT 74
Digital Printing & Chemicals 82
Offset Solutions 90
FINANCIEEL VERSLAG 98
Inhoudstafel Financieel verslag 99
Geconsolideerde jaarrekening 100
Toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening 106
Verslag van de Commissaris aan de Algemene Vergadering 212
Statutaire jaarrekening 219
Corporate Governance verklaring 222
Remuneratieverslag 236
Woordenlijst 242
GRI indextabel (kernoptie) 245
Overzichtstabellen 2015-2019 246
Aandeelhoudersinformatie 250

3

Brief aan de aandeelhouders

Klaus Röhrig, Voorzitter van de Raad van Bestuur Pascal Juéry, CEO

De Agfa-Gevaert Groep kon in 2019 sterke kasstromen genereren en alle divisies met uitzondering van Offset Solution konden een onderliggende winstgroei voorleggen. De komende kwartalen zullen we ons concentreren op onze acties om ons te wapenen tegen de tegenwind in de offsetindustrie. Voorts zullen we ervoor zorgen dat onze groeimotoren de kans krijgen om zich volledig te ontplooien.

Beste aandeelhouder,

Op deze pagina's van het jaarverslag kijken we terug op het afgelopen jaar. Dit jaar is het niet anders. We kunnen echter niet voorbijgaan aan de realiteit van vandaag. Met het uitbreken van de wereldwijde COVID-19-pandemie in januari 2020 zijn we ontwaakt in een ongekende sociale en economische noodsituatie die het uiterste van ons allen vraagt. Onze eerste zorg is natuurlijk de veiligheid en gezondheid van onze bijna 10.000 mensen wereldwijd. Verder is het noodzakelijk dat we de bedrijfscontinuïteit verzekeren, vooral omdat Agfa een belangrijke leverancier is voor de gezondheidszorg. Een speciale taskforce, onder leiding van het uitvoerend management, volgt deze wereldwijde crisis op de voet en pakt deze aan. We doen dit met alle mogelijke en noodzakelijke maatregelen om onze manier van werken aan te passen aan de verschillende nationale en lokale instructies van de overheid en de ontwikkeling van de vraag in de markten die we bedienen.

Op het moment van publicatie van dit jaarverslag* weten we dat de impact van de beperkende maatregelen ter bestrijding van de pandemie – afhankelijk van de lengte en de diepte van de beperkingen – een uiterst belangrijke impact zal hebben vanaf het tweede kwartaal.

Agfa is actief in twee belangrijke markten, de gezondheidszorg en de drukindustrie. De gezondheidszorgsector is een veerkrachtige, niet-cyclische markt. De afgelopen maanden hebben we de zorgverleners op alle mogelijke manieren geholpen om de situatie het hoofd te bieden. Het bedrijfsrisico voor deze activiteit is vrij beperkt en manifesteert zich vooral in een uitstel bij het implementeren van projecten. Dat is begrijpelijk, want onze klanten zijn nu in de eerste plaats bezig met hun nummer één taak: het verlenen van zorg aan mensen in nood.

Wat de drukindustrie betreft, kunnen we een aanzienlijke impact verwachten op ons commercieel offsetdrukwerk en digitaal drukwerk voor sign & display. Deze activiteiten zijn immers rechtstreeks gelinkt met commerciële activiteit en de organisatie van evenementen. Beide werden sterk beïnvloed door de vele lockdown maatregelen in verschillende landen en regio's.

2019, een jaar van transformatie

De voorbije jaren hebben we hard gewerkt aan het uittekenen van een nieuwe groeistrategie voor de Agfa-Gevaert Groep. In 2018 namen we de eerste belangrijke stappen om onze Groep te transformeren en om onze activiteiten klaar te maken voor toekomstige groei. De uitvoering van de strategische transformatie kwam in 2019 op kruissnelheid.

Begin 2019 werd een nieuwe organisatiestructuur ingevoerd met als doel: de toekomst van onze onderneming waarborgen door de verschillende divisies de slagkracht en de middelen te geven die ze nodig hebben om rendabele groei na te streven. De nieuwe organisatie bestaat sindsdien uit vier divisies:

  • Radiology Solutions, de beeldvormingsactiviteiten van de voormalige businessgroep Agfa HealthCare,
  • HealthCare IT, alle IT-activiteiten van de voormalige businessgroep Agfa HealthCare,
  • Digital Print & Chemicals, de inkjetactiviteiten van de voormalige businessgroep Agfa Graphics en de activiteiten van de voormalige businessgroep Agfa Specialty Products,
  • Offset Solutions, de drukvoorbereidingsactiviteiten van de voormalige businessgroep Agfa Graphics.

Verkoop van een deel van Agfa HealthCare's IT-activiteiten

In maart 2019 besliste de Raad van Bestuur na een zorgvuldige evaluatie om de onafhankelijkheid van Agfa HealthCare verder uit te breiden en te bekijken hoe de divisie waardeverhogend kan bijdragen aan de toekomst van de onderneming. Na een grondige studie van de verschillende mogelijkheden konden we begin december aankondigen dat we exclusieve onderhandelingen zijn aangegaan met het Italiaanse Dedalus voor de overname van een deel van onze HealthCare IT-activiteiten. Die activiteiten bestaan uit de Healthcare Information Solutions en Integrated Care-activiteiten, evenals de Imaging IT-activiteiten in de mate dat deze activiteiten nauw geïntegreerd zijn in de Healthcare Information Solutions-activiteiten. Dit is voornamelijk het geval in de DACH-regio, Frankrijk en Brazilië. Op 28 januari 2020 ondertekenden Agfa-Gevaert en het Italiaanse Dedalus S.p.A. een overeenkomst waarbij het 100% van de betrokken activiteiten overneemt tegen een ondernemingswaarde van 975 miljoen euro, onder voorbehoud van regelmatige aanpassingen van het werkkapitaal en de nettoschuld. Beide partijen streven ernaar de transactie in de loop van het tweede kwartaal van 2020 af te ronden. Het deel van Agfa HealthCare dat bij Agfa-Gevaert blijft, focust zich op Imaging IT Solutions, waarbij het zijn strategische koers voortzet om superieure waarde te leveren aan zijn klanten, onder leiding van het vlaggenschip van het Enterprise Imaging-platform en de IMPAX-oplossingen. De divisie richt zich op die klantensegmenten met een hoge mate van IT-maturiteit en die zich richten op groeiende patiëntenaantallen, hetzij door uitbreiding van beeldintensieve servicelijnen, hetzij door geografische expansie. Er is een businessmodel

5

voor software en diensten uitgerold dat zich met gestandaardiseerde softwareoplossingen en -implementaties focust op gerichte klantensegmenten in specifiek geselecteerde geografische gebieden.

Nieuwe strategieën voor alle divisies

Net zoals voor HealthCare IT hebben we ook voor de andere divisies al heel wat gerealiseerd in het voorbije jaar.

Voor de divisie Radiology Solutions hebben we een strategie ontwikkeld die ons in staat stelt ons marktaandeel te vergroten, voornamelijk op het gebied van Digitale Radiografie. Agfa zal zijn klanten begeleiden op hun migratiepad naar digitale beeldvorming, met zijn volledige gamma van radiografie-oplossingen. We moeten voortdurend innoveren om de efficiëntie (productiviteit & workflowautomatisering) en de doeltreffendheid (beeldkwaliteit, stralingsdosis en beslissingsondersteuning) van onze oplossingen te verbeteren. Dit doen we in nauwe samenwerking met onze klanten om de oplossingen te creëren voor de toekomst (producten, software en diensten) die de technologische vooruitgang integreren. We zullen ons echter altijd op de behoeften van de patiënt richten. Door middel van innovatie zullen we de relevantie van de radiografie in de diagnostische beeldvorming vergroten met intelligente en sluitende antwoorden voor de patiënt.

Voor de divisie Digital Print & Chemicals blijven we werken aan het creëren van synergieën tussen de inkjetactiviteiten en de chemietak van onze organisatie. Het is duidelijk dat deze aanpak tot een nieuwe dynamiek heeft geleid. Voortbouwend op het succes van het high-end grootformaatgamma van inkjetmachines en vertrouwend op zijn knowhow in inkten, streeft de divisie naar een aanzienlijke groei in industriële toepassingen, zoals het bedrukken van vloerbedekking en leder. In het segment Chemie streeft de divisie naar een verdere consolidatie van haar positie in de traditionele filmmarkten. Bovendien investeert de divisie in een aantal veelbelovende nieuwe bedrijfsonderdelen die een winstgevende inkomstenstroom genereren: voorbeelden van veelbelovende producten zijn het Synaps Synthetic Paper gamma en het Orgacon Electronic Materials en geleidende inkten gamma.

De divisie Offset Solutions opereert in een markt die wordt gekenmerkt door meerdere uitdagingen, waaronder een sterke daling van de vraag voor analoge prepress-technologie, afnemende volumes van kranten en commercieel drukwerk, prijsdruk als gevolg van hevige concurrentie en hoge aluminiumkosten. De strategische alliantie met Lucky werd geïmplementeerd: het is een industrieel partnerschap dat gericht is op het optimaliseren van Agfa's concurrentievermogen, terwijl het ook een gemeenschappelijk verkoopplatform voor de Chinese markt omvat. Een van de voornaamste prioriteiten van de Agfa-Gevaert Groep voor de volgende kwartalen is de implementatie van een omvangrijk plan ter verbetering van de rendabiliteit van de divisie Offset Solutions.

Een nieuwe bedrijfscultuur voor de toekomst

In 2019 werd een wereldwijd project voor een vernieuwde, uniforme bedrijfscultuur voor het nieuwe Agfa gelanceerd. Zowel structuur als cultuur zijn essentiële elementen voor het succes van Agfa's ambitieuze transformatieproject. De voorbije jaren was de focus van onze onderneming – in belangrijke mate gedreven door de moeilijke economische omstandigheden – gericht op kostenefficiëntie, schuldenafbouw, optimalisatie van de bedrijfsprocessen en het vernieuwen van ons productportfolio. Deze strategie blijft gehandhaafd, maar zal worden aangevuld met een nieuwe focus op groei. Groei op het vlak van prestaties, winstgevendheid, duurzaamheid, klantentevredenheid, innovatie. Vandaag beschikken we over een gezonde onderneming die klaar is om opnieuw structureel met groei aan te knopen. Dit vraagt een andere ingesteldheid van alle betrokkenen. Resultaatgericht, innoverend, efficiënt en zorgzaam: dat zijn de vier sleutelbegrippen van de vernieuwde bedrijfscultuur. Essentieel in Agfa's groeiverhaal is de oprichting van het Innovation Office. Hiermee hebben we het innovatieconcept als het ware in onze organisatiestructuur ingebed.

Vorig jaar hebben we Agfa's nieuwe bedrijfscultuurproject ingezet en alle verschillende Agfa-teams zijn er eigenaar van geworden. Zo zullen ze de nieuwe waarden in het DNA van het bedrijf opnemen en wordt de nieuwe bedrijfscultuur een drijvende kracht achter toekomstig succes.

Duurzaamheid

Een ander belangrijk element in de strategie van onze onderneming is duurzaamheid. Wereldwijd wordt de terechte vraag om duurzame oplossingen voor de klimaatproblemen steeds luider. De uitdagingen waarmee we wereldwijd worden geconfronteerd zijn dan ook aanzienlijk. Overheden leggen klimaatdoelstellingen vast, sluiten akkoorden en vaardigen richtlijnen uit. Individuen engageren zich, passen hun levensstijl aan, maar vragen terzelfdertijd rekenschap aan de beleidsvoerders. Het is duidelijk dat ook ondernemingen de handschoen moeten opnemen en verregaande maatregelen moeten nemen om een duurzame samenleving te realiseren.

Agfa heeft een lange traditie van goed burgerschap. De onderneming streeft naar winstgevende groei, maar hecht tegelijkertijd veel waarde aan de impact die haar activiteiten hebben op het milieu en de gezondheid en veiligheid van haar werknemers. Dankzij onze duurzame oplossingen kan Agfa ook het verschil maken bij de klanten, zodat ook zij hun doelstellingen op het vlak van duurzaam ondernemen kunnen waarmaken. Door onze innoverende manier van werken willen wij bijdragen tot een betere toekomst. We zijn er vast van overtuigd dat het onze plicht is om onze activiteiten op een verantwoorde, duurzame en transparante manier te voeren. Het management van de onderneming is er zich van bewust dat het zijn inspanningen op het vlak van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) nog verder moet opdrijven.

In 2019 organiseerden we een MVO-materialiteitsworkshop, waaraan ook de CEO en de ExCo-leden van het bedrijf deelnamen. Het resultaat van de workshop en de daaruit voortkomende analyse leidde tot een set van relevante thema's, waarop de duurzaamheidsstrategie van de onderneming verder werd uitgewerkt. Wij hebben de realisatie van zes geselecteerde SDG's geïntegreerd in onze nieuwe duurzaamheidsstrategie en deze gekoppeld aan onze materiële thema's in drie aandachtspunten: Planet, People en Performance. Meer informatie over onze aanpak vindt u in het MVO-gedeelte van dit verslag.

Resultaten 2019

In 2019 genereerde de Agfa-Gevaert Groep sterke kasstromen en dankzij een doelgericht plan kon ze het werkkapitaal gevoelig verminderen. Bijgevolg daalde de netto financiële schuld met 38 miljoen euro en dat ondanks de uitvoering van maatregelen ter vermindering van de pensioenrisico's.

Zowel de divisie Radiology Solutions als de divisie HealthCare IT leverden rendabele groei. Zonder de impact van de uitdoving van de positieve effecten van de alliantie met Siegwerk, konden de kernactiviteiten van de divisie Digital Print & Chemicals eveneens hun rendabiliteit gevoelig optrekken. Bijgevolg boekte de Agfa-Gevaert Groep ondanks de verslechterde omstandigheden in de offsetmarkten een verhoging van de brutowinst en een stabiele aangepaste EBITDA.

Een woord van dank

Tot slot danken wij onze werknemers voor hun sterke bijdrage aan het succes van de onderneming en aan de resultaten van 2019. Dankzij hun inzet, competentie en creativiteit kon Agfa-Gevaert opnieuw aanknopen met groei. Een speciaal woord van dank richten we aan voormalig CEO Christian Reinaudo. Onder zijn leiderschap kon de onderneming zich stabiliseren, haar rendabiliteit herstellen en een groeistrategie voor alle activiteiten van de Groep uittekenen.

Ook onze klanten en onze verdelers willen wij oprecht danken voor hun vertrouwen in onze onderneming en de goede verstandhouding die wij met hen mogen hebben. We engageren ons om hen ook in de toekomst te blijven dienen met de meest geavanceerde, kwaliteitsvolle en betrouwbare producten en diensten.

Tot slot zijn we ook onze aandeelhouders dankbaar voor hun steun en hun vertrouwen. De goede resultaten van het afgelopen jaar tonen duidelijk aan dat we op het juiste spoor zitten om van de transformatie van onze onderneming een succes te maken.

"We zijn tevreden dat we Pascal Juéry kunnen verwelkomen als CEO op een beslissend moment in het transformatieproces van de Groep. De ervaring die hij opdeed als uitvoerend manager van een internationale onderneming in volle transformatie zal hem in staat stellen om Agfa-Gevaert op sleeptouw te nemen in zijn snel veranderende markten."

Klaus Röhrig, Voorzitter van de Raad van Bestuur

"Ik ben er trots op dat ik Agfa-Gevaert mag vervoegen. Het is een wereldwijd toonaangevende hightech-onderneming die zich met succes geherpositioneerd heeft in de digitale wereld. Ik kijk ernaar uit om met het getalenteerde team van Agfa-Gevaert het transformatieproces voort te zetten, met het oog op duurzame en rendabele groei."

Pascal Juéry, CEO

MILJOEN EURO 2015 2016 2017 2018 2019 (3)
WINST- EN VERLIESREKENING
Opbrengsten 2.646 2.537 2.443 2.191 2.239
Evolutie t.o.v. vorig jaar 1,0% (4,1)% (3,7)% (8,0)% 0,9%
Offset Solutions 850 843
Aandeel in groepsomzet 39% 38%
Digital Print & Chemicals 337 355
Aandeel in groepsomzet 15% 16%
Radiology Solutions 514 536
Aandeel in groepsomzet 24% 24%
HealthCare IT 490 505
Aandeel in groepsomzet 22% 22%
Brutowinst 842 857 814 701 729
Winst (verlies) uit bedrijfsactiviteiten 161 166 138 62 14
Nettofinancieringslasten (74) (51) (39) (39) (38)
Winstbelastingen (16) (35) (53) (34) (28)
Winst (verlies) toewijsbaar aan 71 80 45 (15) (48)
Aandeelhouders van de onderneming 62 70 37 (24) (53)
Minderheidsbelangen 9 10 8 9 5
Herstructureringskosten en niet-recurrente resultaten (19) (42) (31) (66) (112)
Recurrente EBIT 180 208 169 128 126
Recurrente EBITDA 240 265 222 182 220
KASSTROOM
Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten 149 142 40 (44) 123
Investeringsuitgaven (1) (37) (44) (46) (40) (38)
BALANS - 31 DECEMBER
Eigen vermogen 268 252 307 290 130
Netto financiële schuld 58 (18) 18 144 219
Vlottende activa verminderd met kortlopende verplichtingen (2) 567 568 563 607 473
Totale activa 2.402 2.352 2.233 2.367 2.294
AANDELENINFORMATIE (EURO)
Winst per aandeel 0,37 0,42 0,22 (0,14) 0,32
Nettobedrijfskasstroom per aandeel 0,89 0,85 0,23 (0,26) 0,88
Brutodividend 0 0 0 0 0
Aantal uitstaande aandelen op jaareinde 167.751.190 167.751.190 167.751.190 167.751.190 167.751.190
Gewogen gemiddelde aantal uitstaande gewone aandelen 167.751.190 167.751.190 167.751.190 167.751.190 167.751.190
PERSONEELSLEDEN (op het einde van het jaar)
Voltijdse equivalenten (actieven) 10.241 10.042 9.840 9.662 9.247

(1) Voor immateriële activa en materiële vaste activa.

(2) Gedurende 2016 heeft de Groep het boekhoudkundig beleid consequent toegepast dat ook in voorgaande jaren gold, met uitzondering van de weergave van de handelsvorderingen, de handelsschulden, de vorderingen uit leaseovereenkomsten en de overige activa. Vanaf 31 december 2016 presenteert de Groep deze balansposten als vaste activa/langlopende verplichtingen ten belope van het deel dat langer dan 12 maanden na balansdatum verschuldigd is. Vergelijkende informatie over 2015 werd aangepast aan deze nieuwe voorstellingswijze. Bovendien heeft de Groep de boekhoudkundige behandeling van de toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement aangepast. Daardoor steeg de nettoverplichting wegens vergoedingen na uitdiensttreding op 31 december 2016 met 4 miljoen euro, wat voor hetzelfde bedrag een effect had op de niet-gerealiseerde resultaten (3) De Groep heeft IFRS 16 voor de eerste keer toegepast op 1 januari 2019, volgens de 'modified retrospective approach'. Onder deze toepassing wordt vergelijkbare informatie over voorgaande perioden niet herwerkt. Bij de eerste toepassing van IFRS 16 was er geen effect op ingehouden winsten.

Cijfers voor 2018 en 2019 hebben betrekking op voortgezette activiteiten.

Bedrijfsprofiel

De Agfa-Gevaert Groep is een toonaangevende onderneming in beeldvormingstechnologie en IT-oplossingen met meer dan 150 jaar ervaring. Agfa ontwikkelt, produceert en verkoopt analoge en digitale systemen voor de drukindustrie, voor de gezondheidszorg en voor specifieke industriële toepassingen. De Groep bestaat uit vier divisies: Radiology Solutions, HealthCare IT, Digital Print & Chemicals en Offset Solutions.

Wereldwijd productie- en verkoopnetwerk

Het hoofdkantoor en de moedermaatschappij van de Agfa-Gevaert Groep zijn gevestigd in Mortsel, België. De grootste productie- en onderzoekscentra van de Groep zijn gevestigd in België, de Verenigde Staten, Canada, Duitsland, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, Oostenrijk, China en Brazilië. De Groep is wereldwijd commercieel actief via eigen verkooporganisaties in meer dan 40 landen. In landen waar de Groep geen eigen verkooporganisatie heeft, wordt de markt bediend door een netwerk van agenten en vertegenwoordigers.

Oplossingen voor de radiologie

Agfa's divisie Radiology Solutions is een belangrijke speler op de markt van de diagnostische beeldvorming en levert analoge en digitale beeldvormingstechnologie om tegemoet te komen aan de behoeften van gespecialiseerde artsen in ziekenhuizen en beeldvormingscentra over de hele wereld. Agfa's innovatieve beeldvormingsapparatuur en zijn toonaangevende MUSICA-software voor beeldverwerking stellen de norm op het vlak van productiviteit, veiligheid, klinische waarde en kosteneffectiviteit. Met meer dan 150 jaar ervaring helpt Agfa zijn klanten om de kwaliteit en efficiëntie van hun patiëntenzorg te verbeteren. Elke dag opnieuw bewijst Agfa dat medische beeldvorming in zijn DNA zit.

HealthCare IT

Agfa HealthCare's IT-afdeling ondersteunt zorgverleners en helpt hun gezondheidswerkers in verschillende afdelingen, sites en netwerken om kwaliteitsvolle zorg te leveren en intelligente beslissingen te nemen voor hun gemeenschap en bevolking. De divisie biedt ziekenhuizen en andere zorginstellingen Imaging IT-oplossingen die alle medische beelden en gerelateerde gegevens beheren, uitgebreide bedrijfsbrede Healthcare Information Solutions, evenals geïntegreerde zorgoplossingen. Deze intelligente oplossingen vullen elkaar aan om beproefde, vertrouwde gezondheids-IT-ecosystemen te creëren die elk aspect van gezondheidssystemen raken. Als pionier op het gebied van IT voor de gezondheidszorg sinds de jaren '90 is Agfa HealthCare een toonaangevende IT-onderneming voor de gezondheidszorg met een echte wereldwijde voetafdruk.

In januari 2020 ondertekenden de Agfa-Gevaert Groep en Dedalus een overeenkomst waarbij de Italiaanse onderneming Dedalus Agfa's Healthcare Information Solutions (EPR/EMR) en Integrated Care-activiteiten (HIE/PHM) in de regio's DACH, Frankrijk en Brazilië zal overnemen, evenals de Imaging IT-activiteiten in zoverre deze activiteiten nauw geïntegreerd zijn in de Healthcare Information Solutions-activiteiten in deze drie geografische gebieden. Agfa's Healthcare IT Imaging Solutions business, die Agfa's IMPAX en Enterprise Imaging oplossingen (PACS, RIS, CVIS, VNA, Viewer, enz.) omvat, in alle andere regio's, wordt niet beïnvloed door deze overeenkomst.

Digitaal drukwerk & chemie

Agfa's Digital Printing & Chemicals-divisie bedient een grote verscheidenheid aan industrieën. Voortbouwend op Agfa's expertise in de chemie en zijn diepgaande kennis van de grafische industrie, heeft de divisie een leidende positie in inkjetdruk. Agfa levert sign & display-drukkerijen met een reeks zeer productieve en veelzijdige grootformaatinkjetprinters met aangepaste inkten, aangedreven door specifieke workflow software. Daarnaast ontwikkelt het hoogperformante inkjetinkten en vloeistoffen voor industriële inkjettoepassingen waardoor fabrikanten print kunnen integreren in hun bestaande productieprocessen. Het biedt ook speciale inkjetinkten voor specifieke hightech industrieën zoals de gedrukte elektronica-industrie. Verder levert deze divisie membranen aan de waterstofproductie-industrie en produceert ze een breed assortiment van bedrukbare synthetische papiersoorten. Het productassortiment wordt aangevuld met films voor micrografie, niet-destructief onderzoek, luchtfotografie en de productie van gedrukte schakelingen.

Offset-oplossingen

De divisie Offset Solutions is wereldwijd toonaangevend in de offsetdrukwereld en biedt commerciële, kranten- en verpakkingsdrukkerijen het meest uitgebreide assortiment geïntegreerde prepress- en drukoplossingen. Deze omvatten de volledige prepress workflow tot aan de pers met computer-to-plate-systemen die gebruik maken van digitale offsetdrukplaten, pressroom supplies en state-of-theart software voor workflow-optimalisatie, kleurbeheer, raster- en druknormalisatie. Agfa's duurzame innovaties voor offsetdruk brengen waarde voor drukkerijen op het vlak van ecologie, economie en extra comfort, kortweg ECO³.

Agfa in de wereld

AGFA'S BELANGRIJKSTE PRODUCTIE- EN O&O CENTRA

"Agfa is toegewijd aan zijn missie: de partner bij uitstek zijn voor beeldvorming- en informatiesystemen in alle markten waarin het actief is, van de grafische industrie over de sector van de gezondheidszorg tot gespecialiseerde industriële markten. Hiertoe bieden we ultramoderne technologieën, betaalbare oplossingen en innovatieve manieren van werken aan op basis van ons diepgaand inzicht in de activiteiten en de individuele noden van onze klanten. Investeren in innovatie en het leveren van oplossingen van topkwaliteit zijn hierbij de sleutelbegrippen. We hechten echter evenveel belang aan een verantwoordelijke, duurzame en transparante manier van werken. We zijn ervan overtuigd dat dit de juiste aanpak is om het langetermijnsucces van onze onderneming te verzekeren."

Pascal Juéry, CEO van de Agfa-Gevaert Groep

Duitsland Bonn München Peissenberg Peiting Rottenburg Schrobenhausen Trier Wiesbaden

China Shanghai Wuxi Imaging Wuxi Printing

OFFSET SOLUTIONS RADIOLOGY SOLUTIONS HEALTHCARE IT DIGITAL PRINT & CHEMICALS

PRODUCTIE O&O

13

Hoogtepunten 2019

JANUARI

Agfa en Fujitex ondertekenen een overeenkomst voor de verdeling van Agfa's synthetische SYNAPS-papier in Japan.

JANUARI

Samen met de invoering van de nieuwe organisatiestructuur en de start van het GROW-cultuurveranderingsproject werd een Innovation Center opgericht.

FEBRUARI

Agfa ontvangt de Frost & Sullivan 2019 Global New Product Innovation Award voor zijn DR 800 multifunctionele digitale radiografiesysteem.

MAART

Agfa verwelkomt vertegenwoordigers van drukkerijen in heel Europa en opinieleiders uit de drukindustrie op een exclusieve Value Conference om inspirerende ideeën op te doen waarmee ze hun activiteiten kunnen laten groeien en hun rendabiliteit verbeteren.

APRIL

MSF Logistique selecteert Agfa voor de levering van 20 draadloze, mobiele röntgensystemen DR Retrofit. Dit om tuberculose bij kinderen te verminderen in risicovolle gebieden in de wereld, waaronder Sierra Leone, Ivoorkust, Kameroen, Zambia, Oeganda, Mozambique en Cambodja.

MEI

Klaus Röhrig - oprichter van Active Ownership Capital SARL - wordt benoemd tot Voorzitter van de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert NV.

JUNI

Agfa zet een nieuwe standaard in heatset- en coldsetdruk met SPIR@L, Agfa's gepatenteerde rastertechnologie die de traditionele stippen vervangt door alternatieve vormen om de kwaliteit te verhogen en de productiekosten te verlagen.

SEPTEMBER

HP Indigo en Agfa kondigen een unieke beveiligingsoplossing met variabel ontwerp aan voor merkbescherming en veiligheidsdrukwerk. HP Indigo Secure Studio Powered by Agfa creëert unieke grafische ontwerpen met eindeloze variaties.

OKTOBER

Agfa's Jeti Mira 2732 HS LM LED-druksysteem wint de Product of the Year award 2019 van de Specialty Graphic Imaging Association in de categorie UV/Latex Flatbed (200.000 - 500.000 dollar).

OKTOBER

Agfa en UNILIN tonen hoe de combinatie van watergebaseerde primers en inkjetinkten een doorbraak betekent voor het digitaal drukken van laminaatvloeren en meubels.

OKTOBER

Agfa introduceert Eclipse, een procesvrije drukplaat voor commerciële vellenoffsetdrukkerijen die alle voordelen van procesvrije technologie combineert met moeiteloos drukken.

NOVEMBER

AP-HP installeert Agfa HealthCare's ORBIS-oplossing in het kinderziekenhuis Robert Debré. Wanneer de installatie klaar is, zullen alle 39 AP-HP ziekenhuizen één uniform ORBIS-ziekenhuisinformatiesysteem delen.

DECEMBER

Op RSNA 2019 toont Agfa HealthCare de laatste release van zijn Enterprise Imaging platform, aangedreven door een slimme workflow-engine.

DECEMBER

Agfa lanceert de zeer productieve, ergonomische, mobiele DR-imagingoplossing. Met een klantgericht ontwerp dat voldoet aan de behoeften van de hedendaagse gezondheidszorg, levert de DR 100 een nieuwe kracht op het gebied van mobiele beeldvorming.

DECEMBER

De Agfa-Gevaert Groep kondigt aan dat het exclusieve onderhandelingen is aangegaan met Dedalus Holding S.p.A. om een deel van zijn HealthCare IT-business te verkopen. Verwacht wordt dat - na positieve afronding van alle gebruikelijke onderhandelingen de transactie in de loop van het tweede kwartaal van 2020 zal worden afgerond.

Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen

Onze strategische aanpak

Agfa heeft een lange traditie van goed burgerschap. De onderneming streeft naar winstgevende groei, maar hecht tegelijkertijd veel waarde aan de impact die haar activiteiten hebben op het milieu, de gezondheid en veiligheid van haar werknemers en de relaties met alle belanghebbenden.

Agfa doet dit al vele jaren op vrijwillige basis en gaat in veel gevallen verder dan het naleven van de wettelijke voorschriften. We zijn er vast van overtuigd dat het onze plicht is om op een verantwoorde, duurzame en transparante manier zaken te doen.

Het management van de onderneming is zich ervan bewust dat het zijn inspanningen op het gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemen verder moet opvoeren. De huidige en toekomstige wereldwijde uitdagingen op het gebied van klimaat, gezondheid en welzijn moeten ons allen ertoe aanzetten om actie te ondernemen. In 2015 hebben de Verenigde Naties 17 doelstellingen voor duurzame ontwikkeling (SDG's) aangenomen, waardoor een nieuwe wereldwijde agenda voor duurzame ontwikkeling voor het jaar 2030 is ontstaan. Ze worden gepromoot als de mondiale doelstellingen voor duurzame ontwikkeling en zijn door de lidstaten van de VN vertaald in hun nationale beleid. Het jaarverslag is in overeenstemming met de Europese richtlijnen voor niet-financiële verslaglegging (omgezet in de Belgische wet van 3 september 2017).

Onze vorige verslagen zijn gebaseerd op de standaarden van het Global Reporting Initiative (GRI) (kernoptie). Agfa begrijpt en erkent de GRI-standaarden als een referentie die stapsgewijs moet worden toegepast (zie ook p. 245 GRI-Indextabel). In 2019 hebben we een volgende stap gezet in het definiëren van de noodzakelijke key performance indicators (KPI's) om de effectiviteit van ons beleid te meten met betrekking tot de bijdrage van de onderneming aan de milieu-uitdagingen, mensenrechten, anti-omkoping, corruptie en sociale en personeelskwesties.

Dit jaar zijn we, voor het eerst en met hulp van externe deskundigen, overgegaan tot een materialiteitsbeoordeling. Zo kregen we een gestructureerd inzicht in waar we een sociale, een economische en een milieu-impact hebben en wat van belang is voor onze stakeholders. Dit stelt ons in staat om verder te rapporteren over deze zeer relevante thema's.

Het proces bestond uit een interne materialiteitsworkshop gericht op het identificeren van de stakeholders van de onderneming, een lijst van duurzaamheidsaspecten, hun materialiteit ten opzichte van de stakeholders en de organisatie, en de impact die de organisatie heeft op deze onderwerpen. De deelnemers aan de workshop waren de CEO en ExCo leden van het bedrijf, evenals de hoofden van het R&D Center, het Innovation Office, de Business Divisions, Internal Audit, Investor Relations en Corporate Communication.

De resultaten van de workshop werden gebenchmarkt met een externe analyse. De resultaten van de workshop en de analyse leidden tot een reeks relevante thema's, uitgezet in een materialiteitsmatrix, waarop de duurzaamheidsstrategie van het bedrijf verder werd uitgewerkt en die ook door de Raad van Bestuur werd gevalideerd. Het resultaat was een selectie van zes duurzame ontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties (SDG) die als materieel voor Agfa kunnen worden beschouwd. De selectie werd gemaakt op basis van de potentiële positieve impact die onze activiteiten kunnen hebben op het bereiken van deze doelstellingen.

In een volgende stap zijn de hiaten tussen de bestaande duurzaamheidsrapportage en de GRI-standaarden in kaart gebracht. In 2020 is het doel om relevante KPI's te identificeren die gekoppeld zijn aan de relevante thema's die naar voren kwamen in de materialiteitsworkshop. Dit gebeurt door het interviewen van de verschillende proceseigenaren en het inspecteren van systemen en documentatie om bestaande interne controles, procedures en informatie/gegevens te identificeren gerelateerd aan de nieuw geselecteerde en bestaande KPI's in het sociale, het economische of het milieu-gerelateerde domein.

Vanaf 2020 zal er maandelijks een bestuursvergadering worden georganiseerd met belanghebbenden uit human resources, supply chain, aankoop, het innovatiecentrum, het R&D-centrum, productie en marketing. Het doel van deze bijeenkomst is het definiëren van de KPI's en om doelstellingen te definiëren met betrekking tot milieu-, sociale en prestatiegerelateerde onderwerpen zoals de vermindering van de operationele voetafdruk, diversiteit en inclusie, veiligheid en gezondheid, recyclage, ...

Deze doelstellingen en het verdere actieplan voor duurzaamheid worden onderschreven door de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Management Team van Agfa-Gevaert.

In 2020 zal de focus liggen op:

  • het definiëren van KPI's en doelstellingen op lange en middellange termijn met betrekking tot de geselecteerde relevante thema's;
  • het evalueren van de geïdentificeerde KPI's om de kwaliteit en de robuustheid van de gegevens te waarborgen;
  • het definiëren van de baseline voor KPI's en doelstellingen;
  • het communiceren van de managementaanpak voor de geselecteerde relevante thema's;
  • het communiceren van de relevante thema-specifieke GRI-standaarden; en
  • de verdere ontwikkeling naar naleving van de GRI-standaarden (kernoptie).

Onze stakeholders

De rapporterende organisatie dient haar stakeholders te identificeren en uit te leggen hoe zij heeft gereageerd op hun redelijke verwachtingen en belangen.

Ons beleid

Agfa-Gevaert is een beursgenoteerde onderneming. Als zodanig hebben we te maken met veel belanghebbenden die belang hebben bij onze activiteiten en bij de manier waarop we zaken doen. In het algemeen is de betrokkenheid van de belanghebbenden bij Agfa-Gevaert gebaseerd op een gelokaliseerde aanpak waarbij alle divisies en vestigingen verplicht zijn om hun respectieve belanghebbenden te identificeren en geschikte manieren te vinden om met hen in contact te treden.

In het verleden heeft de onderneming al sterke en gestructureerde relaties opgebouwd met haar stakeholders. In de toekomst zullen deze contacten structureel worden versterkt om hun verwachtingen te begrijpen en te beantwoorden. De resultaten van deze interactie zullen ook worden geïntegreerd in de strategie van de onderneming. Dit zal ons in staat stellen om de innovatieve en duurzame oplossingen te ontwikkelen die onze klanten, onze maatschappij en, bij uitbreiding, onze planeet nodig heeft.

Onze aanpak

Als onderdeel van de interne materialiteitsworkshop heeft de onderneming haar stakeholders formeel geïdentificeerd. Uit een lange lijst van potentiële stakeholders werd een korte lijst van de belangrijkste stakeholders gedistilleerd. De stakeholders uit deze shortlist zijn in een matrix langs twee assen uitgezet. De verticale as toont de impact of invloed die de onderneming kan hebben op de stakeholder. De horizontale as toont het vermogen van de stakeholder om de onderneming te beïnvloeden. Op basis van de plotting van de geselecteerde stakeholders worden enkel de stakeholders die als essentieel worden beschouwd weerhouden in de context van de materialiteitsanalyse, wat resulteert in zes prioritaire doelgroepen voor Agfa-Gevaert: klanten, kanalen (distributeurs), strategische (alliantie)partners, uitvoerend management, werknemers en investeerders/aandeelhouders/analisten.

De dialoog met klanten, distributeurs en leveranciers wordt voornamelijk beheerd door de business units via rechtstreeks contact met de verkoop-, service- en marketingafdelingen bij verschillende gelegenheden zoals onder meer vakbeurzen, opendeurdagen of technologiedagen. Er worden regelmatig klanttevredenheidsonderzoeken uitgevoerd.

De communicatie met aandeelhouders, (potentiële) investeerders en analisten wordt daarentegen op bedrijfsniveau georganiseerd via aandeelhouders- en analistenbijeenkomsten, beleggersevenementen, roadshows en persoonlijke één-op-één bijeenkomsten met ExCo-leden en de afdeling Investor Relations.

In 2020 nodigde de nieuwe CEO Pascal Juéry het volledige personeel van de Agfa-Gevaert Groep uit om in kleinere groepen met hem van gedachten te wisselen. In een eerste golf van ontmoetingen ging 65% van de doelgroep op de uitnodiging in. Later dit jaar zullen ook de verschillende vestigingen wereldwijd een uitnodiging ontvangen. 18

Agfa-Gevaert stelt wereldwijd bijna 10.000 mensen tewerk. Er zijn twee niveaus van communicatie met onze medewerkers. Internationaal zijn er een aantal kanalen beschikbaar voor directe communicatie op hoog niveau, zoals het corporate intranet en infotourvergaderingen die elk kwartaal worden gehouden om de resultaten en de strategie van de onderneming te verduidelijken.

Aanvullende kanalen voor een bedrijfsbrede communicatie zijn onder andere de strategie GROW-blog (zie ook p. 52) en nieuwsbrieven. In elk land waar het actief is, gaat Agfa in dialoog met de werknemersvertegenwoordigers. In de meeste landen vertegenwoordigen de ondernemingsraden de medewerkers. Op Europees niveau is er een Europese ondernemingsraad actief. Voor gezondheids- en veiligheidsaangelegenheden zijn er lokale comités, bestaande uit vertegenwoordigers van de werknemers en de werkgever, actief.

Agfa-Gevaert is ook een actieve deelnemer in diverse industrieorganisaties, waarbij we met beleidsmakers in gesprek gaan om een bijdrage te leveren tot een beter begrip van industriegerelateerde kwesties. Deze verenigingen zijn ook belangrijke platforms voor Agfa-Gevaert om bij te dragen aan een bredere, industriebrede actie op het gebied van duurzame ontwikkeling.

Op een minder formeel niveau worden de leden van ons senior management vaak gevraagd om vrijwillig deel te nemen aan openbare forums om te discussiëren over onze bedrijfsstrategie en onze aanpak van duurzame ontwikkeling. Dergelijke evenementen bieden de mogelijkheid tot interactie met verschillende groepen met inbegrip van bedrijfsleiders, academici en het maatschappelijk middenveld.

Materialiteitsmatrix 2019

De geïntegreerde materialiteitsmatrix combineert de externe analyse en de resultaten van de interne materialiteitsworkshop tot één materialiteitsmatrix. Deze matrix geeft een compleet overzicht van de meest relevante thema's vanuit beide perspectieven. Voor rapportagedoeleinden in 2019 richten we ons op de relevante thema's in het rechterbovenkwadrant van de materialiteitsmatrix.

De combinatie van de horizontale as: Betekenis van economische, milieu- en sociale effecten en de verticale as: Invloed op de beoordeling en beslissingen van belanghebbenden bepaalt de mate van economische, milieu- & sociale impact die Agfa op dat thema heeft. De verticale as toont de impact of invloed van het thema op de geselecteerde stakeholders en het belang dat deze laatsten eraan hechten. De horizontale as toont de potentiële (positieve of negatieve) impact van Agfa-Gevaert op deze thema's in economische, ecologische en sociale termen.

Het bovenste kwadrant bevat de 13 thema's met de hoogste materialiteit voor de stakeholders en de potentiële impact van Agfa-Gevaert. De meest materiële onderwerpen zullen formeel worden gerapporteerd, met verdere details in de GRI indextabel.

Voor elk van de aangehaalde relevante thema's zal Agfa-Gevaert in 2020 een managementaanpak ontwikkelen.

Invloed op de beoordeling en beslissingen van belanghebbenden

Planet

    1. Schaarste aan middelen en efficiëntie (grondstoffen)
    1. Circulaire economie: afvalbeheer & productrecyclage
    1. Watergebruik en afvalwater
    1. Energieverbruik
    1. Uitstoot van broeikasgassen
    1. Duurzaamheid in de waardeketen

People

    1. Welzijn van de werknemers, menselijk kapitaal, leren & ontwikkelen
    1. Respect voor de mensenrechten
    1. Gezondheid en veiligheid

Performance

    1. Duurzame bedrijfsoplossingen en productie
    1. Innovatie en investeringen
    1. Ethisch zakelijk gedrag en naleving
    1. Product stewardship & service-kwaliteit

19

SDG SDG-doel Strategische relevantie voor Agfa-Gevaert Relevant thema
Goede gezondheid en welzijn
Verzeker een goede
gezondheid en promoot
welzijn voor alle leeftijden
Agfa investeert in duurzame tewerkstelling en
wil een veilige, gezonde en ethische manier
van werken bieden aan de ongeveer 10.000
werknemers wereldwijd.
Bovendien moeten we ervoor zorgen dat onze
producten maatschappelijk verantwoord en
duurzaam zijn voor al onze klanten.
Om tegemoet te komen aan de belangrijke
demografische uitdagingen in de moderne
samenleving en voor een duurzame
gezondheidszorg streeft Agfa ernaar om een
belangrijke rol in het ontstaan van geïntegreerde
gezondheidszorgsystemen te spelen.

Respect voor de mensenrechten

Gezondheid en veiligheid

Duurzame bedrijfsoplossingen
en productie

Product stewardship &
service-kwaliteit
Kwaliteitsonderwijs
Verzeker gelijke toegang tot
kwaliteitsvol onderwijs en
bevorder levenslang leren
voor iedereen
Agfa is ervan overtuigd dat continu leren en ontwik
kelen essentieel is voor individuele en organisato
rische groei. Elke werknemer moet daarom in staat
zijn om zijn of haar unieke talenten en vaardigheden
verder te ontwikkelen of om nieuwe en geavanceerde
vaardigheden, kennis en standpunten te verwerven.

Welzijn van de werknemers,
menselijk kapitaal, leren
& ontwikkelen
Gendergelijkheid
Bereik gendergelijkheid en
empowerment voor alle
vrouwen en meisjes
Binnen het diversiteitsbeleid wil Agfa meer
vrouwelijke werknemers in hogere management
functies bevorderen of aanwerven. Daarnaast
wordt een genderneutraal beloningsbeleid
gevoerd. In de komende jaren zal hier nog
meer aandacht aan besteed worden.

Welzijn van de werknemers,
menselijk kapitaal, leren
& ontwikkelen
Industrie, innovatie
en infrastructuur
Bouw veerkrachtige infrastruc
tuur, bevorder inclusieve en
duurzame industrialisering en
stimuleer innovatie
Naast de ontwikkeling van nieuwe producten is
Agfa voortdurend op zoek naar oplossingen die
niet alleen de eigen ecologische voetafdruk
verkleinen, maar ook die van de klanten.
In januari 2019 werd het Innovation
Office gelanceerd.

Duurzame bedrijfsoplossingen
en productie

Innovatie en investeringen
SDG SDG-doel Strategische relevantie voor Agfa-Gevaert Relevant thema
Verantwoorde consumptie
en productie
Verzeker duurzame consumptie
en productiepatronen
Agfa erkent het belang van afvalvermindering en
recyclage. Daarom verfijnen we onze productiepro
cessen om verspilling zoveel mogelijk te voorkomen.
Als er afvalstromen ontstaan, onderzoeken we
hoe we ze kunnen verminderen en hoe we ze
afzonderlijk kunnen behandelen, zodat de
recyclage zo efficiënt en volledig mogelijk
kan worden uitgevoerd.
In het geval van recyclage controleren we ook altijd
of hergebruik binnen het bedrijf mogelijk is.
Zo kunnen we besparen op nieuwe grondstoffen
en vermijden we onnodige transporten.
Innovatieve producten en oplossingen moeten
onze klanten in staat stellen om hun ecologische
voetafdruk te verbeteren.
Slimme gebruiksprocessen moeten worden
aangewend om maximale recycleerbaarheid
van de producten te verzekeren.

Circulaire economie: afvalbeheer
& productrecyclage

Duurzaamheid in de waardeketen

Schaarste aan middelen en
efficiëntie (grondstoffen)

Gezondheid en veiligheid

Duurzame bedrijfsoplossingen
en productie

Ethisch zakelijk gedrag
en naleving
Klimaatactie
Neem dringend actie om de
klimaatverandering en haar
impact te bestrijden
Agfa streeft naar een zo groot mogelijke verminde
ring van de hoeveelheid afvalwater. Door het apart
opvangen van afvalwater kunnen we een specifieke
waterbehandeling toepassen en ervoor zorgen dat
de afvalbelasting wordt verminderd. Het hergebruik
van afvalwater in onze activiteiten wordt – voor zover
het technologisch haalbaar is – gestimuleerd. Door
de vervuiling zoveel mogelijk te beperken, willen we
bijdragen aan het behoud van zuiver oppervlaktewater.
Agfa erkent het belang van een verdere vermindering
van de CO2
-uitstoot. In overeenstemming met de
wereldwijde verplichtingen in het Verdrag van Parijs
moet iedereen een bijdrage leveren tot een efficiënter
gebruik van energie en meer inspanningen doen om
de CO2
-uitstoot verder te verminderen met als uiteinde
lijke doel de klimaatverandering tegengaan.
In alle domeinen van onze bedrijfsvoering onderzoeken
we hun energie-efficiëntie en hun respectieve bijdrage
om de CO2
-uitstoot te verminderen. Voor nieuwe
projecten houden we rekening met een economisch
aanvaardbare toepassing van de beste, beschikbare
technieken om van bij het begin zowel het energiever
bruik als de emissies te verminderen.
Energie-efficiëntie en CO2
-reductie emissies zijn be
langrijke beslissingscriteria bij de evaluatie en aankoop
van producten en diensten.
Onze innovatieve producten en oplossingen moeten
ook onze klanten in staat stellen hun water- en ener
gieverbruik en hun CO2
-uitstoot verder te verminderen.

Uitstoot van broeikasgassen

Energieverbruik

Watergebruik en afvalwater

Een wereldwijde aanpak

Als wereldwijd opererende onderneming erkent Agfa de noodzaak om zijn milieuprestaties voortdurend te verbeteren, zowel in zijn eigen activiteiten als in de activiteiten van zijn klanten, door hen ecologisch verantwoorde producten en systemen aan te bieden. Deze combinatie stelt Agfa in staat om de balans tussen enerzijds winst en anderzijds sociale en ecologische impact te optimaliseren. Zo streeft Agfa naar duurzaam ondernemerschap.

Agfa heeft een lange traditie van goed burgerschap. De onderneming streeft naar winstgevende groei, maar hecht tegelijkertijd grote waarde aan de impact van haar activiteiten op het milieu, op de gezondheid en veiligheid van haar werknemers en op de relaties met alle belanghebbenden. Agfa doet dit al vele jaren op vrijwillige basis en in veel gevallen gaat de onderneming verder dan enkel de naleving van de wet.

De producten van Agfa zijn zo ontworpen, ontwikkeld en geproduceerd dat de productie, de opslag, het transport en het afvalbeheer op het einde van de levenscyclus een minimale milieu-impact hebben.

Duurzaamheid op alle vlakken

Voor Agfa is duurzaamheid een bedrijfsonderdeel dat bedoeld is om op lange termijn waarde te creëren voor alle belanghebbenden. Overal ter wereld investeert de onderneming in afval- en recyclageprogramma's, in duurzame energieproductie, in duurzame logistiek en in de recyclage van verpakking, water en grondstoffen. Agfa zorgt ervoor dat alle producten geleverd worden met alle nodige veiligheidsinformatie en -documentatie (vb. Veiligheidsinformatiebladen of SDS) zodat ze in alle omstandigheden gebruikt kunnen worden in overeenstemming met alle geldende milieu-, gezondheids- en veiligheidsnormen.

In de grafische markten biedt Agfa zijn klanten de middelen om het gebruik van chemicaliën te verminderen, het afvalvolume terug te dringen, het inkt- en waterverbruik te verminderen en energie te besparen. De chemievrije drukplaten zijn het perfecte voorbeeld van een milieuvriendelijk product dat echt een verschil maakt. Met innovatieve en duurzame oplossingen steunt Agfa zijn klanten actief bij hun overschakeling naar groenere werkwijzen. Het circulaire model dat Agfa gebruikt voor de levering van drukplaten is het perfecte voorbeeld van een duurzaam gesloten-lussysteem.

Voor de gezondheidszorgsector biedt Agfa enerzijds innovatieve oplossingen die helpen om de ecologische voetafdruk van zorgaanbieders te verkleinen en anderzijds oplossingen die helpen om de gezondheidszorg betaalbaar te houden. Zo verminderen onze systemen bijvoorbeeld het verbruik van verbruiksgoederen als chemicaliën en elimineren ze het transport van gegevens op film of papier tussen afdelingen of vestigingen van ziekenhuizen. Agfa verbindt zich ertoe producten en oplossingen te ontwikkelen en te verkopen die minder afval genereren, de röntgenstralingsdosis verkleinen en de levensduur van de bestaande zorginfrastructuur van ziekenhuizen verlengen. Voorts verzekeren onze oplossingen een efficiënter beheer van de soms schaarse middelen. Bij dit alles staat het welzijn van de patiënt steeds centraal.

Voor de markt van de hernieuwbare energie ontwikkelt Agfa vlakke membranen voor de productie van waterstof. Agfa's Zirfon Perl is een separatormembraan met een hoge opbrengst. Het materiaal is uitzonderlijk duurzaam, zowel in een continu als in een onderbroken gebruik. Zirfon Perl groeit snel uit tot de keuze bij uitstek van belangrijke onderzoeksinstituten en systeemontwerpers als vervanging voor traditionele structuren die PPS-doek of asbest bevatten.

Milieu

MILIEU-, VEILIGHEIDS- EN ENERGIEBEHEERSYSTEMEN

Duitsland Bonn München Peissenberg Peiting Rottenburg Schrobenhausen Wiesbaden

China Wuxi Imaging Wuxi Printing

Milieu OFFSET SOLUTIONS RADIOLOGY SOLUTIONS HEALTHCARE IT DIGITAL PRINT & CHEMICALS

ISO9001 QUALITY

ISO13485 Q MEDICAL

ISO14001 ENVIRONMENT

OHSAS18001 SAFETY

ISO 50001 ENERGY

Milieu-indicatoren

In overeenstemming met de hierboven aangehaalde overwegingen heeft Agfa de volgende indicatoren gekozen om zijn milieuprestatie te evalueren:

GRI 300 Beheersystemen
GRI 301-1 Productievolume ton/jaar
GRI 301-2 Gerecycleerde materialen %
GRI 302-1 Energieverbruik (Primair en Secundair) terajoule/jaar
GRI 302-3 Specifiek energieverbruik gigajoule/ton product
GRI 303-1 Waterverbruik m³/jaar
GRI 303-1 Specifiek waterverbruik m³/ton product
GRI 303-1 Waterverbruik exclusief koelwater m³/jaar
GRI 303-1 Specifiek waterverbruik exclusief koelwater m³/ton product
GRI 303-3 Hergebruik van afvalwater %
GRI 305-1 CO2
-uitstoot naar de lucht
ton/jaar
GRI 305-4 Specifieke CO2
-uitstoot naar de lucht
ton/ton product
GRI 305-7 Uitstoot NOx
, SO2
, VOS, VAS naar de lucht
ton/jaar
GRI 305-7 Specifieke uitstoot NOx
, SO2
, VOS, VAS naar de lucht
ton/ton product
GRI 305-7 Specifieke VOC-uitstoot naar de lucht ton/ton product
GRI 306-1 Afvalwater m³/jaar
GRI 306-2 Afvalwatervolume ton/jaar
GRI 306-2 Specifiek afvalwatervolume kg/ton product
GRI 306-2 Aandeel van afvalstromen %
GRI 307 Milieu-incidenten en -klachten aantal

Doelstellingen

Agfa streeft voor al zijn milieu-indicatoren naar verbetering overeenkomstig de algemene beleidslijnen. Milieu, gezondheids- en veiligheidsinformatie worden maandelijks gepresenteerd op de besprekingen van de managementteams van de verschillende vestigingen. De afdeling Corporate Safety, Health and Environment (SH&E) behoudt het globaal overzicht van alle informatie. Jaarlijks evalueert het SH&E Management Committee het beleid, de organisatie, het beheersysteem en de doelstellingen op het vlak van veiligheid, gezondheid en milieu.

Beheersystemen

Agfa heeft kwaliteits-, milieu-, en veiligheidsbeheersystemen geïnstalleerd in overeenstemming met de internationale standaarden ISO 9001, ISO 13485 Medical, ISO 14001, ISO 50001 en OHSAS 18001. De wereldkaart op p. 24 en 25 geeft een overzicht van de behaalde certificaten in de verschillende vestigingen.

Recyclage van grondstoffen

Relevant thema 1: Schaarste aan middelen en efficiëntie (grondstoffen)

De toenemende schaarste aan middelen heeft geleid tot stijgende grondstofprijzen (vb. aluminium). Bedrijven worden aangemoedigd om mee te werken aan de oplossing en te investeren in groene innovaties die de behoefte aan grondstoffen verminderen (door groenere producten of door processen die het verbruik verminderen).

Onze waarden

Agfa erkent het belang van afvalvermindering en recyclage. Daarom stemmen we onze productieprocessen af om afval zoveel mogelijk te vermijden. Als er afvalstromen ontstaan, onderzoeken we hoe we deze kunnen reduceren en hoe we ze gescheiden kunnen behandelen, zodat de recyclage zo efficiënt en maximaal mogelijk kan worden uitgevoerd.

In het geval van recyclage gaan we ook altijd na of hergebruik binnen de onderneming mogelijk is. Zo kunnen we besparen op nieuwe grondstoffen en vermijden we onnodige transporten.

Onze aanpak

Met het recent geïntroduceerde circulaire supply chain-model voor drukplaten probeert Agfa een trend te zetten voor het duurzame hergebruik van aluminium. Via een collaboratieve supply chain worden de drukplaten na gebruik opgehaald en naar de aluminiumproducent gestuurd voor recyclage.

Dankzij dit nieuwe businessmodel wordt downcycling (recyclage met waardeverlies) voorkomen en wordt de intrinsieke waarde van het aluminium zoveel mogelijk behouden.

Op deze manier optimaliseren we het verbruik van grondstoffen door de recuperatie van productieafval.

Onze indicatoren

    1. Productievolumes (ton/jaar)
    1. Percentage gerecupereerd aluminium (%)

Onze prestatie

Het globale volume in gewicht van de geproduceerde producten is met 10,5% gedaald ten opzichte van 2018.

Productievolumes (ton/jaar)

De filmfabrieken kenden een daling van 7,5% van het totale productievolume uitgedrukt in gewicht. Dit omvat 6,8% in de filmproductie (PET) en 8,7% in de productie van chemicaliën (bv. ontwikkelvloeistoffen).

27

De globale drukplatenproductie kromp in 2019 met 10,9%.

Het productievolume voor apparatuur uitgedrukt in gewicht daalde met 8,7% in 2019. Uitgedrukt in aantallen komt dit neer op ongeveer 1.400 geproduceerde units voor grafische toepassingen (Manerbio, (Italië) en Mississauga (Canada)) en ongeveer 27.000 units voor medische toepassingen (München, Peiting, Peissenberg (Duitsland) en Wuxi (China)).

In 2019 werd 26,7% van de totale hoeveelheid aluminium, die voor de productie van drukplaten werd gebruikt, gerecupereerd. Hierdoor werd een hoger percentage aluminium als grondstof opnieuw voor hergebruik aangeboden aan de producenten.

Gerecycleerd aluminium

Circulair businessmodel voor Agfa's drukplaten

Enkele jaren geleden introduceerde Agfa als eerste in de industrie een circulair businessmodel voor zijn aluminium drukplaten die in drukkerijen worden gebruikt.

Het nieuwe systeem maakt het mogelijk om drukplaten via een gesloten bevoorradingssysteem aan grote drukkerijen aan te bieden, terwijl het aluminium steeds opnieuw en zonder kwaliteitsverlies kan worden gebruikt. Een studie om de ecologische voetafdruk van drukplaten te bepalen toonde aan dat de productie van het aluminium de grootste impact heeft op het milieu. Ondertussen bestaan er echter efficiënte recyclagetechnieken die het mogelijk maken deze impact met 70% te reduceren op voorwaarde dat de drukplaten, na gebruik op de drukpers, worden opgehaald en terug naar de aluminiumproducent worden gestuurd voor recyclage. Hierbij is een collaboratieve supply chain tussen de aluminiumleverancier, de logistieke partner, de drukkerij en Agfa uiterst belangrijk. Door de gebruikte technieken wordt 'downcycling' (recycleren met waardeverlies) voorkomen en blijft de intrinsieke waarde van het aluminium zoveel mogelijk behouden. Met dit business model komt Agfa tegemoet aan de richtlijnen van de Europese commissie die er op gericht zijn om tot een circulair economiemodel te komen. Het systeem werd bij die klanten ingevoerd die voldoende volume aan drukplaten verwerken en ook organisatorisch in staat zijn in te stappen in dit systeem.

Relevant thema 2: Circulaire economie: Afvalbeheer & productrecyclage

Hoe de onderneming omgaat met het afvalbeheersysteem en oplossingen om minder afval te creëren en om apparatuur te recyclen. Hoe draagt dit bij aan de circulaire economie? Dit omvat ook het recyclen van de verkochte producten.

Onze waarden

Agfa erkent het belang van afvalvermindering en recyclage. Daarom stemmen we onze productieprocessen zodanig af dat afval zoveel mogelijk wordt vermeden. Wanneer afvalstromen ontstaan, onderzoeken we hoe we ze kunnen beperken en hoe we ze gescheiden kunnen behandelen zodat recyclage zo efficiënt en maximaal mogelijk kan worden uitgevoerd.

In het geval van recyclage wordt altijd nagegaan of hergebruik binnen de onderneming mogelijk is. Zo kunnen we besparen op nieuwe grondstoffen en vermijden we onnodig transport. Efficiënte afvalscheiding is hierbij van groot belang.

Van al onze medewerkers en al onze belanghebbenden verwachten we dat ze milieubewust handelen om zo bij te dragen tot een betere en duurzame afvalvermindering.

Innovatieve producten en oplossingen moeten ook onze klanten in staat stellen hun ecologische voetafdruk te verkleinen. Slimme gebruiksprocessen dienen aangewend te worden voor een maximale recycleerbaarheid van de producten.

Onze aanpak

Elke vestiging heeft regels en normen betreffende de bescherming van het milieu conform de specifieke wettelijke vereisten. Het behandelen en recycleren van afvalstoffen wordt in alle vestigingen in kaart gebracht en onderzocht om zo te komen tot de beste methodiek voor verwerking en recyclage.

Het nuttig gebruik van materialen en energie – in welke vorm ook – vormt steeds het uitgangspunt bij besprekingen met afvalverwerkers.

Investeringen aan de installaties moeten een efficiëntere afvalvermindering en efficiënter hergebruik binnen de onderneming bevorderen.

Onze indicatoren*

    1. Afvalvolume (ton/jaar)
    1. Specifiek afvalvolume (kg/ton product)
    1. Aandeel gevaarlijk en niet-gevaarlijk afval (%)
    1. Aandeel nuttig gebruik van afval (%)
    1. Aandeel afval dat gestort wordt (%)

*Deze indicatoren hebben betrekking op het geheel van productie- en administratieve vestigingen.

Onze prestaties

In 2019 daalde het totale afvalvolume in vergelijking met de voorbije jaren substantieel met 12,6 %. Aan de basis van deze daling ligt – naast een vermindering van de geproduceerde volumes – een constante verbetering van de productieprocessen op het vlak van afvalstroomreductie. Ook de sluiting van de productie-eenheid in Branchburg (New Jersey, VS) eind 2018 had een impact op de cijfers.

Na enkele jaren van lichte stijging daalde het specifieke afvalvolume in 2019 met 2,2%.

Het percentage gevaarlijk afval steeg in 2019 als gevolg van een andere aanpak in onze Chinese vestigingen. Het afval dat voordien gewoon gestort werd, wordt nu verder behandeld als gevaarlijk afval. Het is de betrachting om dit deel van het afval een nuttige toepassing te geven (o.a. door recyclage) en zo het storten van afval te verminderen.

Momenteel bedraagt het percentage niet-gevaarlijk afval 76% van het totaal. De ratio tussen ongevaarlijk en gevaarlijk afval die de voorbije jaren op 6:1 lag, bedraagt nu 3:1. De oorzaak ligt bij de stijging van het percentage gevaarlijk afval in China.

2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019
Storten 5.691 6.147 6.373 4.103 4.214 3.586 3.462 2.669 2.910 363
Verbranding 274 387 296 217 327 227 127 782 527 328
Recyclage 39.720 39.813 44.690 37.220 30.879 29.939 24.603 24.398 24.293 22.836
Energierecuperatie 1.358 1.484 1.308 1.257 1.173 1.438 1.188 1.057 1.336 1.583
Fysico-chemische
behandeling
716 701 632 431 187 119 192 262 146 181
Valorisatie 2.925 2.762 2.431 2.270 2.581 2.796 3.141 2.874 3.020 2.895
TOTAAL
(ton/jaar)
50.685 51.294 55.730 45.497 39.361 38.106 32.713 32.041 32.232 28.186
Ongevaarlijk 75% 76% 77% 75% 76% 75% 86% 86% 85% 76%
Gevaarlijk 25% 24% 23% 25% 24% 25% 14% 14% 15% 24%

Het percentage nuttig gebruik van afval (recyclage, energierecuperatie, fysico-chemische behandeling en valorisatie) steeg tot 97,3%, een belangrijke verbetering van meer dan 8%. Ook dit is bijna volledig toe te schrijven aan de wijzigingen in China waar het aandeel van afval dat voordien gestort werd, geëlimineerd is.

Het percentage van het totale afvalvolume dat nog steeds wordt gestort, is gedaald tot 1,3% in 2019. Dit cijfer – het laagste ooit – toont duidelijk aan dat het de bedoeling is om de afvalstromen verder te recupereren.

2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019
Nuttig gebruik
van afval
88,2% 87,3% 88,0% 90,5% 88,5% 90,0% 89,0% 89,2% 89,3% 97,5%
Aandeel gestort
afval
11,2% 12,0% 11,4% 9,0% 10,7% 9,4% 10,6% 8,3% 9,0% 1,3%

Microplastics in het milieu: wat doet Agfa?

Microplastics in het milieu vormen een bedreiging voor de gezondheid omdat ze via de oceanen in de voedselketen terecht kunnen komen. Ze zijn de afgelopen jaren terecht onderwerp van publiek debat. Onder het motto 'Zero Pellet Loss' heeft een aantal bedrijven beroepsfederaties essenscia (chemische industrie) en Agoria (technologiebedrijven) besteedden in november 2019 extra aandacht aan deze problematiek en ze besteedden een studiedag aan het thema circulaire economie. Agfa was aanwezig op dit evenement en

Agfa produceert jaarlijks meer dan 100 miljoen m² polyesterfilm. Polyesterafval van het filmproductieproces of gebruikt polyester dat terugkomt van onze klanten wordt gerecycleerd in de vorm van snippers en hergebruikt in ons productieproces. Onze film bestaat bijvoorbeeld uit 60% nieuw PET-materiaal en 40% gerecycleerde PET.

De PET-vlokken worden pneumatisch getransporteerd in gesloten circuits. Als er toch kleine stukjes PET vrijkomen, worden ze professioneel afgevoerd met een industriële stofzuiger die enkele jaren geleden voor dit doel is aangeschaft. Het hele terrein wordt één keer per week gereinigd. Op die manier vermijden we dat plastic in het milieu terechtkomt.

Waterverbruik en afvalwater

Relevant thema 3: Waterverbruik en afvalwater

De waterproblematiek omvat het gebruik van water, de vervuiling van water en de manier waarop de onderneming omgaat met het vraagstuk van waterschaarste.

Onze waarden

Agfa streeft ernaar om de hoeveelheid afvalwater zoveel mogelijk te beperken. Door het afvalwater apart op te vangen, kunnen we een specifieke waterzuivering toepassen en ervoor zorgen dat de afvalbelasting wordt verminderd.

Het hergebruik van afvalwater in onze activiteiten wordt gestimuleerd – voor zover dat technologisch mogelijk is. Door de vuilvracht zoveel mogelijk te beperken, willen we bijdragen aan het behoud van zuiver oppervlaktewater.

Het afvalwater wordt altijd nauwlettend gecontroleerd in overeenstemming met de lokale wettelijke lozingsnormen. Wij verwachten van al onze medewerkers en al onze belanghebbenden dat zij milieubewust handelen om het waterverbruik te beperken en lekkages of ongecontroleerde lozingen te voorkomen.

Innovatieve producten en oplossingen moeten onze klanten ook in staat stellen hun ecologische voetafdruk te verkleinen en hun waterverbruik te verminderen. Slimme gebruiksprocessen moeten worden gebruikt om afvalwater en vuilvracht tot een minimum te beperken.

Onze aanpak

Elke vestiging heeft regels en normen met betrekking tot de bescherming van het milieu in overeenstemming met de specifieke wettelijke vereisten. Het waterverbruik wordt in alle vestigingen in kaart gebracht en onderzocht om de productieprocessen te optimaliseren en zo het waterverbruik en het ontstaan van afvalwater te beperken.

In de productievestigingen wordt het afvalwater gezuiverd om de vuilvracht te beperken. Een aantal vestigingen (Mortsel (België) en Pont-à-Marcq (Frankrijk)) hebben hiervoor een biologische waterzuiveringsinstallatie. In de vestiging in Mortsel wordt het water ook verder gezuiverd zodat het opnieuw nuttig kan worden gebruikt. Indien het afvalwater nog belangrijke grondstoffen zoals aluminiumslib kan bevatten, worden extra zuiveringsprocessen gebruikt om deze stoffen te scheiden en verder af te werken.

De investeringen in de installaties zijn bedoeld om een efficiënter watergebruik en afvalwaterbeheer in de onderneming te bevorderen.

Onze indicatoren*

    1. Waterverbruik (m³/jaar)
    1. Specifiek waterverbruik met en zonder koelwater (m³/ton product)
    1. Volume afvalwater (m³/jaar)
    1. Specifiek afvalwatervolume (m³/ton product)
    1. Hergebruik afvalwater in Mortsel, België (% totaal waterverbruik)
    1. Vuilvracht in afvalwater (ton per jaar)

* Deze indicatoren hebben betrekking op het geheel van productie- en administratieve vestigingen.

Onze prestaties

Het totale waterverbruik nam in 2019 met 8,6% af. Het specifieke waterverbruik nam licht toe met 2,1% tot 31,3 m³ per ton geproduceerd product.

Het waterverbruik exclusief koelwater nam in 2019 met 18,3% af. Het specifiek waterverbruik exclusief koelwater zakte met 8,7% tot 10,6 m³ per ton geproduceerd product. Dit is het resultaat van voortdurende inspanningen om spaarzaam met water om te gaan.

Het specifiek proceswaterverbruik kon opnieuw verder beperkt worden tot 4,5 m³ per ton geproduceerd product. De voortdurende inspanningen ter optimalisatie van de productieprocessen leidden tot deze aanzienlijke afname

Na enkele jaren met een dalende trend is het totale afvalwatervolume in 2019 weer aanzienlijk afgenomen, namelijk met 21,1%. Dit is het resultaat van de voortdurende inspanningen om het waterverbruik te verminderen enerzijds en het efficiëntere watergebruik anderzijds, waardoor de hoeveelheid afvalwater afneemt. Ook het specifieke afvalwatervolume daalde verder tot 8,94 m³/ton product.

Afvalwatervolumes

Totaal afvalwatervolume (m3 /jaar) Specifieke volumes (m3 /ton product)

De vestiging in Mortsel in België beschikt over een biologische waterzuiveringsinstallatie voor afvalwater dat chemische producten bevat. Na zuivering kan het water worden hergebruikt als was- of koelwater. In 2019 werd 19,5% van het totale volume aan gebruikt water hergebruikt voor nuttige toepassingen.

Gerecycleerd afvalwater hoofdkantoor

De vuilvracht is in 2019 met 27,3% afgenomen. Deze daling is enerzijds het gevolg van de afname van het totale afvalwatervolume en anderzijds van de verbeterde werking van de waterzuivering. Dit komt onder meer tot uiting in de lagere CZV-vuilvracht (chemisch zuurstofverbruik). De specifieke vuilvracht exclusief de aluminiumvracht is in 2019 met 14,8% afgenomen, wat ook de optimalisatie van de waterzuivering aantoont.

2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019
Specifiek volume
(m3
/ton product)
13,00 13,56 12,47 12,10 11,62 12,06 11,22 10,79 10,14 8,94
CZV 1.727,1 1.101,5 524,1 473,1 491,3 462,9 322,7 373,4 347,4 255,4
N 90,8 46,1 17,8 20,4 17,9 15,7 9,5 9,5 12,1 10,7
P 118,7 97,6 97,0 66,5 56,4 54,2 38,1 37,3 34,4 34,4
AOX 0,8 0,6 0,9 0,5 0,4 0,3 0,3 0,3 0,3 0,2
Zware metalen excl. Al 0,5 0,4 0,5 0,5 0,3 0,4 0,4 0,2 0,3 0,2
Aluminium 167,5 30,5 77,5 114,2 34,9 170,4 88,5 40,5 117,2 71,2
TOTAAL (ton/jaar) 2.105,3 1.276,8 717,8 675,1 601,4 703,9 459,5 461,2 511,7 372,1

Energieverbruik

Relevant thema 4: Energieverbruik

Energieverbruik, plannen om het te verminderen en hoe dit de uitstoot beïnvloedt. Het omvat ook de totale bijdrage van de onderneming aan de klimaatverandering door haar energieverbruik en de plannen die in uitvoering of in ontwikkeling zijn om deze impact te minimaliseren en het energieverbruik te verminderen.

Onze waarden

Agfa erkent het belang van duurzaam energieverbruik. In overeenstemming met de wereldwijde verbintenissen in het Verdrag van Parijs moet iedereen bijdragen aan een efficiënter gebruik van energie en meer inspanningen leveren om de CO2 -uitstoot verder te verminderen met als uiteindelijk doel de klimaatverandering te bestrijden.

Voor alle gebieden van onze bedrijfsvoering onderzoeken we de energie-efficiëntie en hun respectieve bijdrage aan de vermindering van het energieverbruik.

Bij nieuwe projecten houden we rekening met een economisch aanvaardbare toepassing van de beste beschikbare technieken om zowel het energieverbruik als de CO2 -uitstoot vanaf het begin verder terug te dringen.

Energie-efficiëntie en de vermindering van de CO2 -uitstoot zijn belangrijke beslissingscriteria bij de beoordeling en aankoop van producten en diensten.

Wij verwachten van onze medewerkers dat zij op een energiebewuste manier handelen om tot een efficiënter gebruik van energie te komen. Onze innovatieve producten en oplossingen moeten onze klanten ook in staat stellen hun energieverbruik en CO2 -uitstoot verder te verminderen.

Onze aanpak

Het energieverbruik wordt in elke vestiging in kaart gebracht. Dit stelt ons in staat om de productieprocessen te optimaliseren en het energieverbruik te beperken.

Investeringen in de installaties moeten bijdragen tot een efficiënter energieverbruik.

Onze indicatoren*

    1. Energieverbruik (terajoule/jaar)
    1. Energieverbruik in vergelijking met het voorgaande jaar (%)
    1. Verbruik primaire en secundaire energie (terajoule/jaar)
    1. Verbruik primaire en secundaire energie in vergelijking met het voorgaande jaar (%)
    1. Specifiek energieverbruik (gigajoule/ton geproduceerd product)
    1. Specifiek energieverbruik in vergelijking met het voorgaande jaar (%)

*Deze indicatoren hebben betrekking op het geheel van productie- en administratieve vestigingen.

Onze prestaties

Het totale energieverbruik (primair en secundair gecombineerd) is in 2019 met 12% gedaald. Ook het specifieke energieverbruik daalde met 1,7% tot 16,0 GJ per ton geproduceerd product. Deze dalingen zijn enerzijds het gevolg van de sluiting van de productievestiging in Branchburg (New Jersey, VS) eind 2018 en anderzijds van de resultaten van de continue analyse, opvolging en optimalisatie van het energieverbruik.

Energieverbruik

2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019
Energieverbruik in
vergelijking met het
voorgaande jaar
3,1% (8,7%) 1,1% (6,8%) 2,2% (9,7%) (7,5%) (2,1%) (0,7%) (12,0%)
Specifiek energiever
bruik in vergelijking met
het voorgaande jaar
(0,6%) (6,7%) (1,3%) 2,7% 2,5% 3,4% 2,0% 0,9% (0,7%) (1,7%)

Het verbruik van primaire energie (aardgas, stookolie, enz.) daalde in 2019 met 9,6% en het verbruik van secundaire energie (elektriciteit en stoom) met 17,8%. De sluiting van de productievestiging in Branchburg, VS, en het gebruik van de warmtekrachtkoppelingcentrale (WKK) in de filmfabriek in Mortsel, België, zijn belangrijke factoren in de vermindering van het verbruik van secundaire energie. Door het gebruik van de WKK werd in 2019 opnieuw 10,1% minder elektriciteit aangekocht.

Verbruik van primaire en secundaire energie

2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019
Verbruik primaire ener
gie in vergelijking met
het voorgaande jaar
3,7% (12,2%) 10,7% (4,7%) 5,4% (12,2%) (6,3%) (4,7%) 2,4% (9,6%)
Verbruik secundaire
energie in vergelijking
met het voorgaande jaar
2,2% (2,5%) (14,4%) (11,4%) (4,9%) (3,3%) (10,2%) 4,1% (7,5%) (17,8%)

In 2019 werd een verdere optimalisatie en vermindering van het energieverbruik bereikt door talrijke kleine en grote investeringen. Zo werd in de filmfabriek in Mortsel een nieuwe koelmachine geïnstalleerd en werd er verder overgeschakeld op algemene LED-verlichting.

En toen was er (goedkoper en beter) licht!

De laatste jaren zijn in het hoofdkantoor in Mortsel maar liefst 20.000 fluorescentielampen vervangen door energiezuinigere LED-lampen. Dit bespaart Agfa jaarlijks 2,1 gigawattuur aan elektriciteit. Dit komt overeen met het totale elektriciteitsverbruik van 700 huishoudens. Dankzij deze aanzienlijke besparingen konden we de investering in twee jaar terugverdienen. Dit is niet alleen een zeer goede return on investment, het is ook een goede zaak voor het milieu. Inmiddels is er een tweede investering goedgekeurd om nog eens 20.000 fluorescentielampen te vervangen.

CO2 -uitstoot

Relevant thema 5: Uitstoot van broeikasgassen

Plannen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen en de totale bijdrage van de onderneming aan de klimaatverandering als gevolg van de uitstoot en de bestaande of in ontwikkeling zijnde plannen om deze impact te minimaliseren en de uitstoot te verminderen.

Onze waarden

Agfa erkent het belang van de verdere reductie van de CO2 -uitstoot. In overeenstemming met de globale afspraken in het Verdrag van Parijs moet iedereen bijdragen tot een efficiënter energiegebruik en meer inspanningen doen voor een verdere terugdringing van de CO2 -uitstoot. Het uiteindelijke doel is het tegengaan van de klimaatverandering.

Voor alle domeinen van onze bedrijfsvoering onderzoeken we de energie-efficiëntie en hun respectieve bijdrage aan het verminderen van de CO2 -uitstoot. Bij nieuwe projecten houden we van bij de aanvang in de ontwerpen rekening met een economisch aanvaardbare toepassing van de best beschikbare technieken om zowel het energieverbruik als de CO2 -uitstoot verder te verminderen.

Energie-efficiëntie en het verminderen van de CO2 -uitstoot zijn belangrijke beslissingscriteria bij de evaluatie en aankoop van producten en diensten.

Van onze medewerkers verwachten we dat ze energiebewust handelen om zo tot een efficiënter energiegebruik te komen. Ook onze innovatieve producten en oplossingen moeten onze klanten in staat stellen om een verdere vermindering van hun energieverbruik en hun CO2 -emissies te realiseren.

Onze aanpak

Elke vestiging heeft regels voor het besparen van energie. Om die te realiseren worden de gebruikte energiebronnen in kaart gebracht en op hun efficiëntie onderzocht. In functie van de economisch aanvaarde toepassing van de best beschikbare technieken trachten we de efficiëntie te verbeteren.

De vestiging in Mortsel beschikt over tal van installaties, waaronder een warmtekrachtkoppelinginstallatie, waarmee een energieconversie met hoog rendement gerealiseerd kan worden. Sommige vestigingen bezitten ook installaties voor Recuperatieve Thermische Oxidatie waarmee zowel afval- als energierecuperatie kan worden gerealiseerd.

Bij investeringen aan de installaties moet ook steeds rekening gehouden worden met het energieaspect om een efficiënt energiegebruik en een vermindering van de CO2 -uitstoot te bewerkstelligen.

Onze indicatoren

    1. Directe CO2 -uitstoot (toepassingsgebied 1) naar de lucht (kton/jaar)
    1. Indirecte CO2 -uitstoot (toepassingsgebied 2) naar de lucht (kton/jaar)
    1. CO2 -uitstootreductie (toepassingsgebieden 1 & 2) vergeleken met het voorgaande jaar (%)

Onze prestaties

In 2019 daalde de directe CO2 -uitstoot (toepassingsgebied 1) naar de lucht met 5,4% tot een waarde die voor het eerst onder de 100 kton per jaar lag. Gezien over een wat langere periode (sinds 2012) heeft Agfa een substantiële reductie van meer dan 20% gerealiseerd.

In 2019 daalde de indirecte CO2 -uitstoot (toepassingsgebied 2) naar de lucht met 9,3%. Door de productiedaling was er minder energie onder de vorm van aangekochte elektriciteit of stoom nodig.

Zowel de directe (toepassingsgebied 1) als de indirecte (toepassingsgebied 2) CO2 -uitstoot daalde in 2019 wat dus resulteerde in een reductie van de totale CO2 -uitstoot door onze bedrijfsvoering van 7,5% ten opzichte van het voorgaande jaar.

CO2 -uitstoot naar de lucht

Over de laatste tien jaar (2010 en 2018 uitgezonderd) bleef Agfa zijn CO2 -uitstootuitstoot terugdringen. Zo draagt de onderneming bij tot de globale vermindering van de uitstoot van broeikasgassen in de strijd tegen de klimaatverandering.

Broeikasgassen 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019
Vermindering
CO2
-uitstoot (toepas
singsgebieden 1 & 2)
vergeleken met het
voorgaande jaar.
3,0% (5,1%) (1,3%) (5,0%) (7,0%) (0,1%) (9,7%) (0,6%) 1,4% (11,9%)

Uitstoot naar de lucht

Relevant thema 5: Uitstoot van broeikasgassen

Plannen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen en de totale bijdrage van de onderneming aan de klimaatverandering als gevolg van de uitstoot en de bestaande of in ontwikkeling zijnde plannen om deze impact te minimaliseren en de uitstoot te verminderen.

Onze waarden

Agfa erkent het belang van de verdere reductie van de uitstoot naar de lucht. Iedereen moet bijdragen aan een verdere terugdringing van de uitstoot naar de lucht met als uiteindelijk doel: het tegengaan van de klimaatverandering.

We brengen alle bronnen van uitstoot naar de lucht in kaart om hun impact te kennen en om passende maatregelen te kunnen nemen. Bij nieuwe projecten houden we van bij de aanvang in de ontwerpen rekening met een economisch aanvaardbare toepassing van de best beschikbare technieken om de uitstoot naar de lucht verder te verminderen.

De uitstoot naar de lucht moet nauwlettend worden gecontroleerd in overeenstemming met de lokale wettelijke emissienormen. Wij verwachten van onze medewerkers dat zij op een energiebewuste manier handelen om de uitstoot naar de lucht te beperken of ongecontroleerde emissies te vermijden.

Onze aanpak

Elke vestiging heeft regels en normen met betrekking tot de bescherming van het milieu in overeenstemming met de specifieke wettelijke vereisten. Uitstootbronnen worden in alle vestigingen in kaart gebracht om de productieprocessen te optimaliseren en te verbeteren in functie van de economisch aanvaarde toepassing van de best beschikbare technieken.

Onze indicatoren

    1. Uitstoot van ozonafbrekende stoffen (kg R11-equivalenten/jaar)
    1. Uitstoot van NOx , SO2 , VOS, VAS (ton/jaar)
    1. VOS-uitstoot (ton/jaar)

Onze prestaties

In 2019 registreerde Agfa een hoge uitstoot van ozonafbrekende stoffen als gevolg van een ernstige storing na onderhoudswerkzaamheden aan twee koelmachines in de vestiging in Mortsel. Nooit eerder hebben we een dergelijk cijfer geregistreerd. Intussen zijn alle nodige corrigerende maatregelen genomen om een herhaling te voorkomen.

2017 2018 2019
Uitstoot van ozonafbrekende stoffen (kg R11-equivalenten/jaar) 183,1 69,7 1.508,5

De uitstoot naar de lucht exclusief CO2 is in 2019 licht gestegen met 2,2%. Deze stijging is bijna volledig toe te schrijven aan de hogere NOx -emissies, veroorzaakt door enkele inconsistenties in de installaties van Mortsel waarvoor corrigerende maatregelen zijn genomen.

Uitstoot Nox , SO2 , VOS, VAS naar de lucht

2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019
NOX 160,3 150,3 142,1 141,6 140,4 137,5 120,3 99,4 99,0 119,0
SO2 6,2 40,7 9,7 23,5 5,1 1,5 1,5 0,8 1,5 2,7
VOS 179,3 165,6 171,6 165,2 129,3 121,8 106,1 112,7 88,7 71,9
VAS 4,0 48,5 4,0 2,5 2,0 1,9 3,5 2,0 2,8 2,8
TOTAAL
(ton/jaar)
349,8 405,1 327,4 332,8 276,8 262,7 231,4 214,9 192,0 196,3

De VOS-emissies zijn in 2019 verder gedaald met 19,0%. De specifieke VOS-emissies evolueerden naar 0,3 kg per ton geproduceerd product. Deze waarde is de laagste van de afgelopen tien jaar.

Als gevolg van een verbeterde werking en aanpassingen aan de installaties kon het aandeel van de recuperatie van solventen worden verhoogd. Een voorbeeld hiervan is de geautomatiseerde bewaking van de solventenbalans.

Milieu-incidenten en -klachten

Tot nu toe rapporteerden we alleen voor de productievestiging in Mortsel, omdat dit de belangrijkste filmproductievestiging ter wereld is. Vanaf 2020 zal deze rapportage worden uitgebreid naar alle productievestigingen om een completer beeld te geven.

In 2019 werden in Mortsel 13 milieu-incidenten gemeld aan de lokale autoriteiten. Het ging daarbij vooral om inbreuken op de afvalwatervergunning.

Mortsel meldde 14 klachten in 2019. Deze klachten hadden vooral betrekking op geluids- en geurhinder als gevolg van diverse eenmalige gebeurtenissen.

De opvolging van de milieu-incidenten en -klachten werd in 2018 en 2019 opgevoerd om nog sneller te kunnen anticiperen op mogelijke probleemsituaties.

In 2019 moesten geen boetes worden betaald.

Milieu-incidenten en -klachten

Agfa rekent op de inzet, de bekwaamheid, de creativiteit en het engagement van alle medewerkers om te bouwen aan de toekomst van de onderneming. In een snel veranderende maatschappij willen we dat onze medewerkers blijvend voor Agfa kiezen. Hiertoe bieden we hen tal van voordelen op het professionele en persoonlijke vlak. Bovendien streeft Agfa ernaar om een goede werkgever te zijn door het creëren van een veilige, inspirerende en inclusieve werkomgeving met gelijke kansen, permanente opleidingsmogelijkheden voor een lange en bevredigende loopbaan en met kansen voor elk individu om een goede balans te vinden tussen werk en privé.

Een bekwaam personeelsbestand en een wendbare organisatie zijn essentieel voor het verdere succes van ons bedrijf. Als we er niet in slagen om talenten aan te trekken, te ontwikkelen en te behouden om aan de huidige en toekomstige behoeften van het bedrijf te voldoen, kan dit gevolgen hebben voor onze organisatie.

Agfa's HR-beleid is gericht op de ontwikkeling en het implementeren van een aantal processen gelinkt aan de 'employee life cycle'. De loopbaan van een werknemer kan men opdelen in verschillende fases: aanwerving en introductie, loopbaanevolutie en eindeloopbaan. Bij elk van deze fases zijn competentiemanagement, prestatiemanagement, continue opleiding- en ontwikkelingsmogelijkheden, een faire en competitieve verloning en opbouwende feedback, essentiële elementen. Hierbij is het ook belangrijk om aandacht te hebben voor het ontwikkelen van een coachend leiderschap.

Het voornaamste focuspunt in 2019 was evenwel het uitrollen van GROW, het programma voor een vernieuwde bedrijfscultuur.

HR kerncijfers 2019

AANTAL WERKNEMERS

WERKNEMERS PER CORPORATE FUNCTIE

(1) Algemeen & Administratie 16,12% (2) Logistiek & Supply chain 3,15% (3) Productie 27,05% (4) Onderzoek & Ontwikkeling 15,09% (5) Verkoop 14,77% (6) Service 23,81%

TOEWIJZING WERKNEMERS

(1) Offset Solutions 26,06% (2) HealthCare IT 30,02% (3) Digital Print & Chemicals 3,55% (4) Radiology Solutions 15,14% (5) Corporate 0,74% (6) Support Functions 24,50%

WERKNEMERS PER REGIO

MEDEWERKERS PER LEEFTIJDSCATEGORIE

DE AGFA-GEVAERT GROEP TELT 91 NATIONALITEITEN DE TOP 5 BESTAAT UIT:

1. Welzijn van werknemers, Menselijk kapitaal en Opleiding & Ontwikkeling

Relevant thema 7: Welzijn van werknemers, Menselijk kapitaal en Opleiding & Ontwikkeling

Hoe de onderneming omgaat met zijn menselijk kapitaal met inbegrip van de arbeidsvoorwaarden. Hieronder valt onder andere: diversiteit, inclusie, geslacht, generatiediversiteit, personeelsverloop, talent management, werk-privébalans, verloning, betrokkenheid,…

Diversiteit

Onze waarden

Agfa investeert in een duurzame werkgelegenheid en wil wereldwijd 10.000 medewerkers een veilige en gezonde werkomgeving bieden. Diversiteit is hierbij voor Agfa een belangrijk aandachtspunt en de Onderneming heeft hieromtrent beleidsmaatregelen en procedures ingesteld. Ze worden beschreven in de Gedragscode van de Onderneming en in het antidiscriminatiebeleid in de Verklaring inzake Ethisch Zakendoen.

Agfa is actief in meer dan 100 landen en heeft eigen productiecentra, O&O-centra en verkooporganisaties in meer dan 40 landen. Bij Agfa werken medewerkers van 91 verschillende nationaliteiten, met verschillende achtergronden, verschillende persoonlijkheden en visies elke dag samen. Diversiteit is voor Agfa dan ook een natuurlijk gegeven. Deze diversiteit is een verrijking voor de organisatie en ze levert een directe bijdrage aan de geleverde prestaties en het imago van het bedrijf.

Onze aanpak

Om zijn visie op diversiteit te ondersteunen heeft de Raad van Bestuur tijdens zijn vergadering van 3 maart 2003 beslist dat het een absolute prioriteit geeft aan een beleid dat voorziet in gelijke kansen op werkgelegenheid voor alle werknemers en sollicitanten. De Raad stelde ook duidelijk dat er geen ruimte is voor discriminatie op grond van ras, godsdienst, politieke overtuiging, kleur, geslacht, leeftijd, nationaliteit, beperking of eender andere wettelijk ontoelaatbare indeling. Deze beslissing werd opgenomen in Appendix A: Gedragscode en Verklaring inzake Ethisch Zakendoen, onderdeel van het Corporate Governance Charter, en werd verder toegelicht in het Diversiteitscharter van Agfa-Gevaert. Beide documenten zijn raadpleegbaar op de website van de Onderneming: www.agfa.com. Met het Diversiteitscharter wil Agfa onderstrepen dat het diversiteit hoog in het vaandel draagt. De organisatie wil haar engagement laten blijken voor de gelijkheid tussen man en vrouw alsook voor de culturele, etnische en sociale diversiteit in de maatschappij. Agfa onderschrijft hiermee naast het verbod van elke vorm van discriminatie ook het gelijke-kansenbeginsel.

  • In het diversiteitscharter engageert Agfa zich tot het volgende:
    1. De Onderneming zal het non-discriminatiebeginsel in al zijn vormen naleven en verwacht dit ook van de medewerkers. Het beleid van de organisatie is erop gericht om gelijke kansen te bieden wat betreft tewerkstelling aan alle werknemers en sollicitanten. Niemand mag gediscrimineerd worden op grond van ras, geloof, politieke overtuiging, huidskleur, geslacht, leeftijd, nationaliteit, beperking, seksuele geaardheid, of een andere classificatie die bij wet is verboden. Dit beleid betreft alle bepalingen, voorwaarden en privileges in het kader van de tewerkstelling, met inbegrip van, maar niet beperkt tot, het rekruteren, het in dienst nemen, plaatsen, opleiden, promoveren, toewijzen, vergoeden, tuchtigen en beëindigen van de tewerkstelling.
    1. Agfa zal het management en de medewerkers opleiden en sensibiliseren voor de uitdagingen op het vlak van non-discriminatie en diversiteit. De organisatie zal hiervoor de nodige stappen zetten maar verwacht ook van de medewerkers dat ze bewust omgaan met het non-discriminatiebeginsel en dit actief toepassen.
    1. Agfa verwacht van de werknemers dat ze de rechten en eigenheden van alle individuen respecteren teneinde een werkomgeving te creëren waarin elke werknemer zich individueel ten volle kan ontplooien. Het bedrijf zal een klimaat van vertrouwen, tolerantie en openheid creëren en elke vorm van discriminatie actief aanpakken, om op deze manier een bedrijfscultuur te garanderen en te bevorderen die ten volle het respect voor naaste collega's nastreeft.
    1. Dit charter wordt maximaal ondersteund door de directie van het bedrijf die zich samen met de sociale partners engageert om het op een actieve manier te ondersteunen.

Diversiteit bij Agfa in cijfers

De Raad van Bestuur van de Vennootschap voldoet sedert 2015 aan de wettelijke verplichtingen met betrekking tot genderdiversiteit zoals voorzien in de Belgische wet van 28 juli 2011. Voor een verdere beschrijving van diversiteitsaspecten betreffende de leden van de Raad van Bestuur (leeftijd, geslacht, achtergrond inzake opleiding en beroepservaring) verwijzen we naar de cv's van de leden van de Raad van Bestuur die werden opgenomen in de Corporate Governance-verklaring.

De HR-grafieken op deze pagina geven een totaalbeeld van de aanwervingen binnen de Agfa-Gevaert Groep over de laatste vijf jaar. De Onderneming is van mening dat deze cijfers een objectief en evenwichtig beeld geven van hoe de Onderneming vandaag de dag omgaat met de verschillende aspecten van diversiteit.

In 2019 is de vrouwelijke beroepsbevolking van Agfa met meer dan 3,5% toegenomen ten opzichte van 2018. Dit is het gevolg van verschillende maatregelen om de aanwerving van vrouwelijke werknemers te bevorderen – gedreven door de hernieuwde aandacht voor onder andere genderdiversiteit.

PERCENTAGE NIEUWE MEDEWERKERS PER LEEFTIJDSCATEGORIE

<20 21-30 31-40 41-50 51-60 61-70 70<
2015 3,96% 35,32% 29,39% 17,63% 10,81% 2,32% 0,13%
2016 4,36% 33,03% 31,97% 20,29% 8,97% 1,00% 0,00%
2017 5,16% 34,69% 32,57% 16,78% 8,93% 1,25% 0,00%
2018 3,54% 33,79% 31,66% 18,81% 9,77% 1,85% 0,10%
2019 6,85% 36,34% 29,88% 16,98% 8,50% 1,10% 0,32%

IN DE GROEP NIEUWE MEDEWERKERS VAN DE LAATSTE VIJF JAAR TELLEN WE 86 VERSCHILLENDE NATIONALITEITEN DE VOLGENDE LANDEN VORMEN DE TOP 10

CHINA VS DUITSLAND BELGIË FRANKRIJK CANADA POLEN VK OOSTENRIJK SPANJE
15,00% 14,08% 13,11% 10,56% 7,43% 6,37% 4,30% 4,26% 2,97% 2,81%

Agfa wil het aantal vrouwelijke medewerkers in hogere managementfuncties laten groeien. In de komende jaren zal hierop nog meer focus worden opgelegd en specifieke KPI's en doelstellingen zullen worden vastegelegd.

Verder wordt er ingezet op gender-neutrale verloning. De onderstaande tabellen geven een overzicht tussen mannelijke en vrouwelijke medewerkers in de verhouding personeelsbestand/Hay-graad en de verhouding salaris/Hay-graad voor het jaar 2018 en 2019.

2018 2019
Headcount/Hay-grade Vrouw Man Vrouw Man
Niet-management 24% 76% 25% 75%
Lager management 22% 78% 23% 77%
Middenmanagement 16% 84% 16% 84%
Hoger management 11% 89% 11% 89%
TOTAAL 23% 77% 24% 76%
2018 2019
Salary/Hay-grade Vrouw Man Vrouw Man
Niet-management 89% 104% 89% 104%
Lager management 92% 102% 91% 103%
Middenmanagement 92% 102% 92% 101%
Hoger management 90% 101% 96% 101%
TOTAAL 87% 104% 87% 104%

Deze cijfers dienen met de nodige voorzichtigheid te worden geïnterpreteerd omdat het aantal jaren ervaring in een welbepaalde functie en het land van tewerkstelling niet zijn opgenomen. Het is evenwel de bedoeling om in de toekomst een bijkomende analyse op te maken en verder te focussen op gender-neutrale verloning.

Beleid en praktijken op het vlak van verloning

Onze waarden

Het tewerkstellen van mensen is een investering op lange termijn. Wereldwijde organisaties ervaren nog steeds concurrentie bij het aanwerven en behouden van personeelsleden. Daarom biedt Agfa zijn medewerkers competitieve verloningspakketten.

Onze aanpak

De meeste managers hebben een variabel deel in hun salarispakket. De uitbetaling van dit variabele deel hangt af van de prestatie van de Agfa-Gevaert Groep, van de resultaten van de respectieve divisie en de regio en van de individuele prestatie ('Global Bonus Plan'). Voor verkopers en servicemedewerkers is het variabele deel gelinkt aan specifieke doelstellingen in een 'Sales Incentive Plan' of een 'Service Incentive Plan'.

Om ervoor te zorgen dat het salaris overeenkomstig de markt is, gebruikt Agfa een formeel job-evaluatiesysteem en neemt het deel aan salarisonderzoeken om het loonbeleid op een continue wijze te toetsen.

Agfa gebruikt als referentieloon voor zijn medewerkers een 'Total Target Cash'-niveau dat gemiddeld op het 67ste percentiel van de markt ligt. Het pakket van de individuele werknemer wordt aangepast op basis van zijn/haar prestaties en expertise.

Agfa streeft ernaar om competitieve maar ook kostenefficiënte kortetermijn- en langetermijnvoordelen aan te bieden. De belangrijkste voordelen zijn: een pensioenplan, een levensverzekering en een verzekering tegen medische kosten. De voordelen kunnen sterk verschillen van land tot land, naargelang de plaatselijke regels en gewoontes.

Werk-privébalans

Onze waarden

Agfa streeft ernaar dat er een evenwichtige balans is tussen werk en privéleven voor zijn medewerkers. Die balans houdt veel meer in dan de verhouding tussen werkuren en privé-tijd. Hoe graag iemand zijn job doet – en hoeveel voldoening men eruit haalt – is minstens even belangrijk. Ook het feit dat heel wat overheden de pensioenleeftijd recentelijk hebben opgetrokken heeft een ingrijpende invloed op het welbevinden van de medewerkers. Als onderneming zijn we ervan overtuigd dat medewerkers met een goede balans tussen werk en privé minder vaak ziek zijn, minder stress hebben en zich meer betrokken voelen. Agfa is er zich ook bewust van dat het juiste evenwicht voor iedereen anders kan zijn en dat de noden kunnen veranderen met de jaren.

Onze aanpak

Agfa zet in op het creëren van een werkbaar-werkbeleid waarbij heel wat initiatieven streven naar een zo optimale verhouding tussen werk en privéleven. Zo biedt ze waar mogelijk flexibele arbeidstijden aan zoals deeltijds werken, thuiswerken of thematische verloven zoals ouderschapsverlof. Verder voert Agfa bewustmakingscampagnes die mensen er toe aanzetten om gezonder en bewuster te werken en te leven. Een hoeksteen hiervan is het Huis van Werkvermogen-model van de Finse professor Ilmarinen, waarbij veel aandacht wordt gegeven aan het evenwicht tussen werk en privéleven en tal van maatregelen genomen worden die het realiseren van dit evenwicht ondersteunen. In het kader van het Huis van Werkvermogen worden jaarlijks minimaal drie informatiesessies georganiseerd waarin thema's met betrekking tot welzijn op het werk, zoals bijvoorbeeld stressmanagement, worden toegelicht.

Loopbaanbegeleiding

Onze waarden

In het loopbaanbegeleidingsproces faciliteert HR de medewerker in het verkennen van zijn interesses, talenten en ervaringen om mogelijke carrièremogelijkheden te identificeren. De focus ligt over het algemeen op loopbaanverandering, persoonlijke ontwikkeling en mogelijke andere loopbaangerelateerde zaken.

Onze aanpak

De loopbaancoach helpt om inzicht te krijgen in de sterktes en zwaktes van de medewerker, in wat belangrijk is voor de medewerker in werk en leven en in toekomstige carrièremogelijkheden die voor ons liggen. Het belangrijkste doel is om medewerkers vertrouwen te geven in zichzelf en in hun professionele toekomst.

In 2020 zal Agfa een 360-feedback-onderzoek aanbieden aan alle werknemers die een intern leiderschapstraject volgen. De resultaten worden besproken met een loopbaancoach.

Opleiding & Ontwikkeling

Agfa streeft ernaar om de juiste werknemer in de juiste functie op het juiste moment en de juiste locatie te hebben aan de juiste kost. Met die bedoeling zoekt Agfa voortdurend naar de juiste balans tussen het aantrekken van competenties van buiten het bedrijf, het ontwikkelen van interne competenties en het verhogen van de algemene inzetbaarheid van de medewerkers door het succesvol overstappen van de ene functie naar de andere te stimuleren.

Anderzijds moeten onze loopbanen aangepast blijven aan de veranderende realiteit. Veel medewerkers zullen in de toekomst meer loopbaanbewegingen maken dan traditioneel gewoon was. Een 'job-fitte' medewerker is dan ook noodzakelijk om professioneel blijvend inzetbaar te zijn.

Hiertoe zet Agfa sterk in op prestatiemanagement en talentmanagement. Opleiding en ontwikkeling is de vanzelfsprekende hefboom om de inzetbaarheid van onze medewerkers te verhogen.

Prestatiemanagement

Onze waarden

Prestatiemanagement is een weerkerend en voortdurend proces voor het bepalen van doelstellingen en voor ontwikkeling en evaluatie gericht op het realiseren van de strategie en de doelstellingen van de Onderneming via de prestaties van de werknemers. Agfa's processen op het vlak van prestatiemanagement zorgen ervoor dat werknemers geëvalueerd worden en dat ze formele en informele feedback krijgen over hun prestaties, getoetst aan een aantal overeengekomen doelstellingen. De ontwikkeling van de werknemers is een integraal onderdeel van het prestatiemanagement. De werknemer en de manager moeten de persoonlijke ontwikkelingsdoelstellingen identificeren. Deze ondersteunen het bereiken van de vooropgestelde doelstellingen op korte termijn en het bereiken van de persoonlijke loopbaanverwachtingen op lange termijn. Tot op zekere hoogte zijn financiële beloningen voor werknemers gebaseerd op de resultaten van het prestatiemanagementproces.

Onze aanpak

Agfa introduceerde in 2018 FeedForward als Performance Management Framework om in te spelen op de behoefte aan voortdurende feedback en om zich te concentreren op coaching en ontwikkeling in plaats van louter de prestaties uit het verleden te evalueren. Met de introductie van FeedForward ontstaat een flexibelere prestatiecultuur waarin zowel manager als medewerker een actieve rol spelen door:

  • zinvolle en resultaatgerichte doelstellingen vast te leggen die in overeenstemming zijn met de algemene bedrijfsstrategie;
  • het voortdurend verduidelijken van de verwachtingen en het heroriënteren van de doelstellingen;
  • het geven, vragen en uitwisselen van feedback om de prestaties te verbeteren;
  • het houden van een dialoog over ontwikkeling.

Talentmanagement

Onze waarden

Talentmanagement staat voor het definiëren van de competenties die de onderneming nu en in de toekomst nodig zal hebben om succesvol te kunnen groeien en voor het identificeren van het aanwezige potentieel in de onderneming of bij uitbreiding op de arbeidsmarkt. Het gaat over hoe we de juiste mensen kunnen aantrekken en behouden, op alle niveaus van de organisatie.

Onze aanpak

Alle people managers nemen hiertoe jaarlijks deel aan het People Review-proces om proactief kerntalenten in de organisatie te identificeren, om mobiliteit en jobrotatie te organiseren en om ontwikkelings-, continuïteits- en carrièreplannen uit te werken. Dit alles moet ervoor zorgen dat sleutelwerknemers aan boord blijven.

Het Strategic Talent Review-proces is een tweejaarlijks wereldwijd proces waarbij senior managers worden bevraagd om voor hun departement onder meer de sleutelcompetenties voor de toekomst in kaart te brengen, een opvolgingsplanning voor de sleutelfuncties op te maken en high potentials op te lijsten. De oefening werd in 2019 opgestart en zal in 2020 worden besproken. Hierna kunnen de nodige actieplannen worden opgemaakt.

Leer- en ontwikkelingsinstrumenten

Onze waarden

Agfa is ervan overtuigd dat voortdurend leren en zich verder ontwikkelen essentieel zijn voor individuele en organisatorische groei. Elke medewerker moet dus in staat zijn om zijn of haar unieke talenten en vaardigheden verder te ontwikkelen of om nieuwe en geavanceerde vaardigheden, kennis en standpunten te verwerven.

Onze aanpak

Agfa biedt een ruime waaier leer- en ontwikkelingsinstrumenten aan. De plannen voor de ontwikkeling van de medewerkers worden afgestemd op competentiemanagement en worden geïntegreerd in het FeedForward-Framework.

De daling van 15% in 2019 kan worden verklaard door de overstap van leer- en ontwikkelingsaanbieder en de introductie van een nieuw platform voor leer- en ontwikkelingsinstrumenten.

Wereldwijd talentenprogramma

In 2019 werden drie regionale leiderschapstrajecten voor een vijftigtal jonge managers uitgerold in de regio's LATAM, ASPAC en NAFTA. Deze programma's richten zich op het aanleren van de vaardigheden en het geven van ondersteuning die nodig zijn om succesvol te zijn in hun rol van jonge managers. In deze regio's werden ook regionale talentenprogramma's met 37 deelnemers uitgerold. Het doel van dit traject is om de opvolgingsplanning en de doorstroming binnen de regio's te verbeteren. Impactstudies om de duurzame verandering in het gedrag van de deelnemers te meten werden uitgevoerd. Hieruit bleek dat meer dan 90% van de deelnemers aan het programma veranderingen in hun eigen gedrag en verbeterde leiderschapsvaardigheden rapporteerden.

2. Respect voor de mensenrechten

Relevant thema 8: Respect voor de mensenrechten

Hoe het bedrijf garandeert dat de arbeidsomstandigheden afgestemd zijn op de internationale normen. Mensenrechten zijn de basisrechten die het fundament vormen van vrijheid, rechtvaardigheid en vrede, en die universeel en op gelijke voet op alle landen van toepassing zijn (VN, Universele Verklaring van de Rechten van de Mens).

Onze waarden

Vanuit de overtuiging dat iedereen recht heeft om behandeld te worden met respect, zorg en waardigheid, wil Agfa ernaar streven om een onderneming en werkgever te zijn met duidelijk omschreven en toegepaste veiligheids- en gezondheidsnormen, die alle wettelijke bepalingen naleeft en zich houdt aan de algemene bepalingen van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.

Onze aanpak

Werkomgeving

Agfa's medewerkers worden geselecteerd, aangenomen, toegewezen, opgeleid, gepromoveerd, overgedragen, ontslagen en vergoed op basis van hun bekwaamheden en kwaliteiten zonder discriminatie ingevolge ras, huidskleur, religie, politieke overtuiging, geslacht, leeftijd of nationaliteit. Het beleid verbiedt discriminatie van een gekwalificeerde werknemer of sollicitant omwille van een fysieke of mentale handicap of van zijn of haar status als invalide. In dit kader is het eveneens verboden en onwettelijk om een job of een promotie toe te kennen of te weigeren omwille van het leveren of weigeren van seksuele gunsten. Het is eveneens verboden om zich schuldig te maken aan ongewenste intimiteiten.

Agfa's medewerkers zijn verplicht de rechten en eigenheden van alle individuen te respecteren teneinde een werkomgeving te creëren waarin elke werknemer zich individueel ten volle kan ontplooien.

Arbeidspraktijken Vrijheid van vereniging

Onze waarden

Agfa houdt zich aan de algemene principes van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en ondersteunt en respecteert het recht van zijn werknemers om zich te verenigen in vakbonden en andere organisaties die de rechten van werknemers in hun relatie met Agfa als werkgever behartigen.

Onze aanpak

In elk land waar het actief is, treedt Agfa in dialoog met de vertegenwoordigers van de werknemers. In de meeste landen nemen ondernemingsraden de vertegenwoordiging van de werknemers op zich. Op Europees niveau is er een Europese ondernemingsraad werkzaam. Voor zaken op het vlak van gezondheid en veiligheid zijn lokale comités, bestaande uit vertegenwoordigers van de werknemers en de werkgever, actief.

Ondersteuningsprogramma's voor werknemers

Naast de strikte toepassing van de Gedragscode heeft de grote meerderheid van Agfa's dochterondernemingen een formeel systeem ingesteld voor het ondersteunen van werknemers die problemen zoals pesterijen, discriminatie of belangenconflicten willen melden. Klachten worden op een systematische en vertrouwelijke manier behandeld en er werden gespecialiseerde en onafhankelijke contactpersonen aangesteld. Voor elke vestiging werden eveneens plaatselijke HR-contactpersonen aangesteld, zodat werknemers individuele problemen indien nodig op een vertrouwelijke manier kunnen melden.

Supply Chain

Leveranciers zijn essentieel in onze activiteiten voor het leveren van producten en diensten. Het hebben van nauwe relaties met leveranciers betekent echter dat hun reputatie een impact kan hebben op die van ons bedrijf, waardoor ons eigen reputatierisico toeneemt. Daarom verwachten we dat onze leveranciers zich aan dezelfde duurzaamheidsnormen te houden. Sinds 2012 streven we ernaar om al onze leveranciers contractueel te laten instemmen met onze Agfa Gedragscode voor Leveranciers. Dit is zeker het geval voor onze belangrijkste leveranciers, die ongeveer 31% van onze totale uitgaven vertegenwoordigen.

In 2019 omvatte 100% van de contracten die door de belangrijkste leveranciers werden ondertekend, de Agfa Gedragscode voor leveranciers (2018: 92%).

De Gedragscode voor Leveranciers bevat eisen op het gebied van de naleving van de wetten van de toepasselijke rechtssystemen, van het handhaven van de nalevingssystemen en van het vermogen van de leveranciers om aan te tonen dat zij de wetten en de gangbare vormen van eerlijkheid en menselijk fatsoen op een bevredigende manier naleven. De gebieden die behandeld worden zijn: verbod op corruptie & omkoping, geen oneerlijke bedrijfspraktijken, anti-discriminatie, geen harde of onmenselijke behandeling, vrijelijk gekozen werk en verbod op kinderarbeid, vrijheid van vereniging & collectieve onderhandelingen, eerlijke werktijden, eerlijke lonen & voordelen, gezondheid & veiligheid van de werknemers, milieubescherming, beveiliging van de bevoorradingsketen (AEO en CT-PAT).

De Agfa Gedragscode voor Leveranciers is te raadplegen op de website van de Onderneming.

GROW, een nieuwe bedrijfscultuur voor de toekomst

Begin 2019 werd in de Agfa-Gevaert Groep een nieuwe organisatiestructuur geïmplementeerd met als doel de toekomst van ons bedrijf veilig te stellen door de verschillende divisies de kracht en de middelen te geven om te streven naar winstgevende groei. Gelijktijdig werd een wereldwijd project gelanceerd om een nieuwe, uniforme bedrijfscultuur voor het nieuwe Agfa vorm te geven. Structuur en cultuur zijn beide essentiële elementen voor het succes van Agfa's ambitieuze transformatieproject. In de afgelopen jaren lag de focus van onze Onderneming – vooral vanwege de moeilijke economische omstandigheden – op kostenefficiëntie, schuldvermindering, het optimaliseren van bedrijfsprocessen en het vernieuwen van onze productportfolio. Deze strategie zal worden gehandhaafd, maar zal worden aangevuld met een nieuwe focus op groei. Groei in termen van prestaties, winstgevendheid, duurzaamheid, klanttevredenheid, innovatie,... Dit vereist een andere ingesteldheid van alle betrokkenen.

Nadat de bestaande bedrijfscultuur in kaart werd gebracht, werd vastgesteld dat er nood was aan nieuwe accenten. Het uiteindelijke doel is een vernieuwde bedrijfscultuur met vier basisprincipes: resultaatgericht (Results), innovatief en onderzoekend (Learning), zelfverzekerd en snel reagerend (Authority), zorgzaam en teamgericht (Caring). Een cruciaal onderdeel van Agfa's groeiverhaal is de oprichting van het Innovation Office, dat ons in staat stelde het innovatieconcept in onze organisatiestructuur te verankeren.

Onze KPI's

In 2019 werden in totaal 84 bedrijfs- en HR-ambassadeurs opgeleid die vervolgens alle people managers in de Agfa-vestigingen wereldwijd zullen inwijden in de basisprincipes van de nieuwe bedrijfscultuur. In 2019 werd reeds 30% van de people managers getraind, de rest volgt in 2020. Ook in 2020 zullen alle medewerkers kennis kunnen maken met de vernieuwde bedrijfscultuur.

3. Gezondheid en veiligheid

Relevant thema 9: Gezondheid en veiligheid

De manier waarop het bedrijf zijn medewerkers behandelt op het vlak van gezondheid en veiligheid in relatie tot de productie en het algemene gezondheids- en veiligheidsbeheer.

Onze waarden

Agfa hecht veel belang aan de gezondheid en veiligheid van zijn werknemers. Zo streven we ernaar om risico's zoveel mogelijk te beheersen waardoor idealiter ieder ongeval of incident kan worden voorkomen. We beschouwen het als een morele verplichting dat iedereen zijn verantwoordelijkheid voor de eigen veiligheid en voor die van zijn collega's opneemt. Op onveilig gedrag wordt dan ook onmiddellijk gereageerd, ook tegenover bezoekers, contractoren en leveranciers: veilig werken is absoluut vereist om te mogen werken bij onze Onderneming.

Bovendien hechten we veel belang aan het correct rapporteren van ieder incident, bijna-ongeval of ongeval. Elke leidinggevende garandeert dat elke opmerking geapprecieerd en opgevolgd wordt. Alleen zo kunnen we onveilige situaties onderzoeken en aanpakken zodat herhaling kan worden voorkomen.

We zijn er bovendien van overtuigd dat een veilige werkomgeving bijdraagt tot de duurzaamheid en efficiëntie van de onderneming. Om het veiligheidsbewustzijn te verhogen, zullen we daarom blijven investeren in opleiding en werken we gebruiksvriendelijke richtlijnen uit die door iedereen gemakkelijk na te volgen zijn.

Onze aanpak

Elke vestiging van Agfa-Gevaert heeft gezondheids- en veiligheidsstandaarden om werknemers en derden in de vestiging te beschermen. Deze stemmen steeds overeen met alle specifieke wettelijke vereisten.

Gezondheids- en veiligheidsinformatie wordt maandelijks gepresenteerd aan de managementteams. Op de besprekingen van de afdeling Corporate Safety, Health & Environment (SH&E) wordt deze informatie verder besproken en worden acties ter verbetering uitgewerkt. Jaarlijks evalueert het SH&E Management Comittee het beleid, de organisatie, het beheersysteem en de doelstellingen op het vlak van veiligheid, gezondheid en milieu.

Van elk gerapporteerd incident, bijna-ongeval en ongeval wordt de oorzaak onderzocht zodat de meest aanbevolen maatregelen kunnen worden geïmplementeerd. Belangrijke zaken worden onmiddellijk gecommuniceerd aan alle vestigingen als een SH&E-alarm en -leerpunt. Oorzaakanalyses worden uitgevoerd om specifieke acties te implementeren ter verbetering van de prestaties op het vlak van gezondheid en veiligheid.

Onze indicatoren*

    1. Frequentiegraad (Fg) van rapporteerbare ongevallen Frequentiegraad = (Aantal ongevallen/Gepresteerde uren) * 1.000.000
    1. Frequentiegraad (Fg) van ongevallen met meer dan één verloren werkdag Frequentiegraad = (Aantal ongevallen/Gepresteerde uren) * 1.000.000
    1. Ernstgraad van ongevallen met meer dan één verloren werkdag Ernstgraad = (Aantal verloren werkdagen/Gepresteerde uren) * 1.000

* Cijfers hebben betrekking op Agfa-medewerkers.

Onze prestaties

Rapporteerbare ongevallen zijn ongevallen die volgens de nationale en lokale wetgeving aan de autoriteiten moeten worden gemeld. Aangezien de wetgeving sterk kan verschillen in de verschillende landen waar Agfa aanwezig is, proberen we een meer algemene definitie te definiëren voor het verslag van 2020 om zo een coherente indicator te creëren.

De frequentiegraad van de rapporteerbare ongevallen kende een stijging naar 2,03 in 2019. De langdurige trend blijft weliswaar nog steeds dalend. In functie van de locatie waar de ongevallen gebeuren en de daar geldende wettelijke eisen op het vlak van rapporteren, kan men jaarlijks een variatie van de cijfers krijgen.

De frequentiegraad van de ongevallen met meer dan één verloren werkdag kende een lichte stijging naar 5,15 in 2019. Niettemin blijft het cijfer bij de laagste over de laatste acht jaren.

Bovendien blijft de langdurige trend dalen. Dit wordt verklaard door de grotere invloed van de daling van het aantal ongevallen tegenover de kleinere invloed van het dalend aantal gepresteerde uren op de frequentiegraad. In alle vestigingen lopen programma's tot het verder terugdringen van ongevallen. Vooral het toepassen van observatierondgangen op de werkvloer blijft het instrument bij uitstek om werkzaamheden en omgeving nauwgezet te onderzoeken naar onveilige situaties en omstandigheden. Zo werden in onze drukplatenfabrieken het aantal ongevallen met werkverlet spectaculair teruggedrongen. Over een periode van tien jaar werd het aantal gereduceerd van 25 naar twee. Verschillende vestigingen behalen nul ongevallen met werkverlet en dit al jaren na elkaar.

De ernstgraad van de ongevallen met meer dan één verloren werkdag bleef met 0,118 op quasi hetzelfde peil als in 2018. Dit vertegenwoordigt 874 verloren werkdagen.

Net als in voorgaande jaren moesten er geen dodelijke ongevallen op de werkplek worden gemeld.

Performance

1. Duurzame bedrijfsoplossingen en productie

Relevant thema 10: Duurzame bedrijfsoplossingen en productie

Onze waarden

Agfa beschouwt innovatie als essentieel voor de realisatie van zijn groeistrategie. Elk jaar investeert de onderneming daarom tussen vijf en zes procent van zijn omzet aan O&O. Naast het ontwikkelen van nieuwe producten is het voortdurend zoeken naar oplossingen die niet alleen de eigen ecologische voetafdruk verkleinen, maar ook deze van zijn klanten, een doelbewuste focus van Agfa.

Agfa beschouwt het overstappen van een lineaire naar een circulaire economie een voorwaarde om tot een duurzame samenleving te komen.

Onze aanpak

Agfa betrekt via zijn verkoop- en serviceteams de klant en andere stakeholders in de industrie bij het innovatieproces van de onderneming. Zij zijn het best geplaatst om de noden van de klanten – en bij uitbreiding van de samenleving – te capteren. Onze aanpak op dit gebied loopt parallel aan onze innovatie- en investeringsaanpak, zoals beschreven op de volgende pagina, en zal in 2020 verder worden ontwikkeld.

Circulaire businessmodel voor Agfa's drukplaten

Enkele jaren geleden introduceerde Agfa als eerste in de industrie een circulair businessmodel voor zijn aluminiumdrukplaten die in drukkerijen worden gebruikt.

Het nieuwe systeem laat toe drukplaten via een gesloten bevoorradingssysteem aan grote drukkerijen aan te bieden, terwijl het aluminium steeds opnieuw en zonder kwaliteitsverlies kan worden gebruikt.

Een studie naar de ecologische voetafdruk van drukplaten toonde aan dat de productie van het aluminium de grootste impact heeft op het milieu. Ondertussen bestaan er echter efficiënte recyclagetechnieken die toelaten deze impact met 70% te reduceren op voorwaarde dat de drukplaten, na gebruik op de drukpers, worden opgehaald en terug naar de aluminiumproducent worden gestuurd voor recyclage. Hierbij is een collaboratieve supply chain uiterst belangrijk tussen de aluminiumleverancier, de logistieke partner, de drukkerij en Agfa. Door de gebruikte technieken voorkomt men 'downcycling' (recycleren met waardeverlies) en blijft de intrinsieke waarde van het aluminium zoveel mogelijk behouden. Met dit business model komt Agfa tegemoet aan de richtlijnen van de Europese Commissie die er alles aan doen om tot een circulair economiemodel te komen. Het systeem werd bij die klanten ingevoerd die voldoende volume aan drukplaten verwerken en ook organisatorisch in staat zijn in te stappen in dit systeem.

Percentage gerecycleerd aluminium ten opzichte van het
totaal gebruikte aluminiumvolume
2017 2018 2019
Circulaire recyclage 10,20% 8,60% 8,60%
Gerecycleerd afvalaluminium 11,50% 15,40% 18,10%
TOTAAL gerecycleerd aluminium 21,70% 24,00% 26,70%

ECO³

Met zijn ECO³-programma zet Agfa in op drie cruciale voordelen die haar nieuwste innovaties voor de drukindustrie typeren: kostenefficiëntie (economy), ecologie en extra gebruiksgemak (extra convenience) – kortweg ECO³. Deze drie E's zullen in alle geledingen van de drukkerij-industrie meerwaarde brengen. De focus op het ECO³-programma heeft immers niet alleen betrekking op de sterke drukvoorbereidingsportfolio van de businessgroep, maar ook op kwaliteits-, productiviteits- en efficiëntieverbeteringen in de drukkerij bij de klant.

2. Innovatie en investeringen

Relevant thema 11: Innovatie en investeringen

Onze waarden

Agfa beschouwt innovatie als essentieel voor de realisatie van zijn groeistrategie. Elk jaar investeert de onderneming daarom tussen vijf en zes procent van zijn omzet aan O&O. Naast het ontwikkelen van nieuwe producten is het voortdurend zoeken naar oplossingen die niet alleen de eigen ecologische voetafdruk verkleinen, maar ook deze van zijn klanten, een doelbewuste focus van Agfa.

Onze aanpak

Agfa betrekt via zijn verkoop- en serviceteams de klanten en andere stakeholders in de industrie bij het innovatieproces van de onderneming. Zij zijn het best geplaatst om de noden van de klanten – en bij uitbreiding van de samenleving – te capteren.

Bij het uittekenen van de groeistrategie voor de onderneming en de bijhorende vernieuwde bedrijfscultuur ging ook in 2019 heel wat aandacht naar innovatie. In januari 2019 werd een Innovation Office opgericht dat de volledige onderneming moet betrekken bij het innovatieproces. Het ondersteunt de divisies met een langetermijnvisie op technologische evoluties en het identificeren van marktbehoeften en -kansen in groeiende, aangrenzende markten waar Agfa zijn kerncompetenties en -activa kan benutten om waarde te creëren voor onze onderneming.

Een andere taak is het stimuleren van de innovatiecultuur in de hele organisatie en het opzetten van meer ondernemend gedrag. In 2019 heeft het Innovatiebureau met succes een continu proces voor het verzamelen van ideeën opgezet. Dit proces heeft een systematische scoringsmethodologie voor het selecteren, rangschikken, waarderen en prioriteren van de ingediende ideeën.

De scoringsmethodologie houdt hierbij rekening met de aantrekkelijkheid van de marktsegmenten, de technische haalbaarheid, de technologische kloof voor Agfa en commerciële succesfactoren zoals Agfa's concurrentiepositie, de mogelijke hefboomwerking van onze kerncompetenties, het zakelijk potentieel en het overeenkomen in onze strategie. De geprioriteerde ideeën worden meer in detail geëvalueerd waarna er kan beslist worden of ze tot nieuwe zakelijke mogelijkheden kunnen leiden of niet.

Gebieden van geprioriteerde exploratie zijn het gebruik van onze software-expertise, applicatie- en servicemogelijkheden om toe te passen in groeiende segmenten van de printindustrie. Zo demonstreerde Agfa samen met HP Indigo op LabelExpo 2019 de mogelijkheden van onze algemene beveiligingssoftware als variabele ontwerpoplossing voor merkbescherming en veiligheidsdrukwerk in verpakkingen.

Een ander onderzoeksgebied is het toepassen van onze chemie-expertise en coatingmogelijkheden in nieuwe toepassingen zoals medische diagnostiek, voedselveiligheid, en technologische evoluties zoals de digitalisering van kunstmatige intelligentie en cloud-technologie, …

De evaluatie van veranderende bedrijfsmodellen (bv. SaaS) is ook een belangrijk beoordelingscriteria. Dit betekent dat innovatie op het vlak van waardecreatie voor klanten en andere stakeholders, minstens even belangrijk is als technologische innovatie.

Samenwerking en open innovatie worden gestimuleerd om de introductie van oplossingen te versnellen in de markten waar we vandaag de dag niet aanwezig zijn. De samenwerking met startersnetwerken wordt opgezet om ideeën in nieuwe toepassingen of onbekende markten sneller te kunnen verkennen en valideren, maar ook om een meer ondernemend gedrag te stimuleren waarbij we lerend gedrag aanmoedigen en medewerkers aanzetten tot het durven verlaten van de comfortzone.

Een duurzame en veilige gezondheidszorg

van zorgorganisaties. Zijn systemen voor medische beeldvorming geven zorgverstrekkers nieuwe inzichten. Zijn IT-oplossingen overstijgen

zaam te houden, streeft Agfa HealthCare ernaar een belangrijke rol te spelen in de opkomst van geïntegreerde zorgsystemen. Deze syste-

de gegevens van hun patiënten beschermen. Agfa HealthCare verbindt zich ertoe zorgaanbieders te steunen bij de bescherming van de

Begin 2020 bezat Agfa 847 actieve octrooifamilies, samen goed voor 4.365 actieve octrooirechten. Hiervan zijn 3.383 octrooien verleend en 982 nog

Chemievrije drukplaten

Zowel in het commerciële segment als in het krantensegment plate-systemen (CtP) kunnen drukkerijen hun ecologische voetaf-

3. Gedrag en ethiek in de bedrijfscontext

Relevant thema 12: Gedrag en ethiek in de bedrijfscontext

Onze waarden

Het is steeds Agfa's overtuiging geweest dat het zijn volledige verantwoordelijkheid als maatschappelijk verantwoorde onderneming moet opnemen in alle landen waarin het wereldwijd actief is. De Gedragscode is een weerspiegeling van het doel van de onderneming krachtig, onafhankelijk, ethisch en eerlijk in al zijn markten te concurreren. Alle medewerkers zijn verplicht de regels en concepten in het document te respecteren, omdat ze een afspiegeling zijn van Agfa's doelstelling om op een duurzame manier te groeien, steeds rekening houdend met de wensen en het welzijn van zijn klanten, medewerkers, buren en leveranciers en van de toekomstige generaties; kortom de wensen en het welzijn van haar stakeholders.

Onze aanpak

Gedragscode (Code of Conduct)

De Gedragscode is opgenomen als bijlage in het Corporate Governance Charter van de Groep, dat te vinden is in de sectie Investor Relations op Agfa's website.

De regels en principes in de Gedragscode zijn onderverdeeld in een zestal categorieën. Deze principes hebben betrekking op de manier waarop het bedrijf met zijn personeel (werkomgeving, veiligheid, gezondheid & milieu) en de buitenwereld (omkoping, belangenconflicten en voorkennis, antitrust, intellectuele eigendom) wil omgaan. Ethisch gedrag beperkt zich echter niet tot het naleven van de tekst van de Code. De Gedragscode is een samenvatting van de belangrijkste principes van het dagelijks bestuur, en is dus niet limiterend. De principes en regels die het bevat, zijn meer in detail uitgewerkt in het bedrijfsbeleid of in het beleid dat voor de verschillende businessgroepen of dochterondernemingen werd uitgewerkt.

Een goed voorbeeld van zo'n specifiek beleid is dat van de afdeling Inkoop voor haar medewerkers op het gebied van ethisch gedrag bij het zakendoen met leveranciers.

Overtredingen van wetten, voorschriften of het beleid van de Agfa-Gevaert Groep – zoals de Gedragscode – inzake fraude, antitrust, corruptie en conflicten van belang en andere soortgelijke gebieden, kan ernstige gevolgen hebben voor de Groep. Mogelijke gevolgen zijn onder meer vervolging, boetes, sancties, contractuele, financiële en reputatieschade.

De Gedragscode is vertaald in de belangrijkste internationale talen van de onderneming.

De Gedragscode moet worden gelezen en ondertekend door alle topmanagers (Hay grade 21 en hoger) die bij Agfa werken. Bovendien moeten ze de Code om de 2,5 jaar opnieuw erkennen en opnieuw ondertekenen. Net als in 2018 heeft 100% van de betrokken managers de Gedragscode in 2019 (her)ondertekend.

Om de naleving van de principes van de Code op te volgen en te verzekeren, heeft Agfa een klokkenluidersregeling ingevoerd om eventuele problemen op te lossen. Net als in 2018 zijn er in 2019 geen problemen gemeld.

Omkoping en onbetamelijke betalingen

Het is werknemers van alle niveaus verboden om een overeenkomst te sluiten of een afspraak te maken, wanneer zij redelijkerwijs weten of zouden moeten vermoeden, dat het opzet of het waarschijnlijke resultaat hiervan is het rechtstreeks of onrechtstreeks doen of ontvangen van een betaling of vergoeding aan werknemers, ambtenaren, overheidsinstanties (met inbegrip van het leger),…, leveranciers of klanten, voor beslissingen en handelingen in het voordeel van de onderneming.

Onbehoorlijke betalingen omvatten alle mogelijke vormen van waardetoekenning en is niet beperkt tot overdracht van geld. Zo kunnen bijvoorbeeld gratis producten en bijzondere producten, diensten, uitstapjes of vakanties op kosten van de Vennootschap net zo goed als een betaling in geld een onbehoorlijke betaling uitmaken. Handelingen die aldus verdacht zijn, worden niet geoorloofd omdat zij gebruikelijk worden geacht, hetzij op een bepaalde plaats, hetzij in een bepaalde (zaken)sector.

Belangenconflict – Handel met voorkennis

Medewerkers moeten vrij zijn van beïnvloeding door persoonlijke belangen die tussenkomen, kunnen tussenkomen of de indruk kunnen wekken tussen te komen bij hun plichten en verantwoordelijkheden voor de Vennootschap. De handelingen van de werknemers moeten gemotiveerd worden door de beste belangen van de Vennootschap veeleer dan door enige overweging van potentiële of werkelijke persoonlijke voordelen.

Medewerkers mogen dus niet rechtstreeks of onrechtstreeks betrokken zijn bij situaties waarin zij een belangenconflict hebben met de onderneming, waarin zij concurreren met de onderneming. Verder mogen zij geen 'insider information' of voorkennis, die niet toegankelijk is voor het publiek, gebruiken, openbaar maken of delen met andere personen met het oog op persoonlijk profijt, ten voordele van derden of op een wijze die strijdig is met de belangen van de Vennootschap. Een voorbeeld hiervan is het verhandelen van aandelen op basis van voorkennis.

Antitrust

Elke medewerker kent en houdt zich aan het beleid van de volledige naleving van de mededingingswetgeving van de Europese Unie en haar lidstaten, van de Verenigde Staten van Amerika, en enig andere natie die wetgeving heeft die de mededinging regelt.

Intellectuele eigendom

Agfa bezit, heeft aanvragen in behandeling voor en heeft licenties voor tal van octrooien die betrekking hebben op een veelheid van producten en softwaresystemen. Agfa vertrouwt op een combinatie van octrooi-, auteurs- en merkenrecht en de wetten op handelsmerken en geheimen, vertrouwelijkheidsprocedures, handelsgeheimen, contractuele bepalingen en licentieregelingen om zijn eigendomsrechten vast te leggen en te beschermen.

Anderzijds voert de Groep een beleid dat erop gericht is de intellectuele eigendomsrechten van derden strikt te respecteren.

Commentaar bij de jaarrekeningen

AANDEEL IN DE GROEPSOPBRENGSTEN 2019

PER REGIO

Commentaar bij de geconsolideerde jaarrekening

Omzet

Op basis van de solide prestaties van de groeimotoren en van het hardcopy-gamma, groeide de omzet van de Agfa-Gevaert Groep met 2,2% in 2019. Vanaf de tweede helft van het jaar begon de consolidatie van de omzet komende van de offsetalliantie met Lucky HuaGuang Graphics zichtbaar te worden in de Groepsomzet.

HealthCare IT

De omzet van de divisie HealthCare IT groeide met 3,0%. Doorheen het jaar boekten de Healthcare Information Solutions voortdurend een solide omzetgroei, waardoor de toonaangevende positie in de Duitstalige landen van Europa en in Frankrijk bevestigd werd. Voor de Imaging IT Solutions concentreert de divisie zich op het genereren van een kwaliteitsvolle omzet in geselecteerde geografieën en segmenten om zo de rendabiliteit verder te verbeteren. Ondanks de beslissing om de Imaging IT Solutions terug te schroeven in bepaalde minder duurzame markten en segmenten, bleef de omzet van deze business stabiel ten opzichte van het voorgaande jaar.

Radiology Solutions

In de divisie Radiology Solutions werd de omzetstijging van hardcopy en van Direct Radiography deels uitgevlakt door de marktgedreven achteruitging in de verkoop van Computed Radiography-systemen. Duidelijk voordeel halend uit de reorganisatie van de distributiekanalen in China, boekte de hardcopy-business een omzetgroei met dubbele cijfers. De omzetgroei van het innovatieve Direct Radiography-gamma was ook het gevolg van hogere service-inkomsten.

Digital Print & Chemicals

Op basis van de sterke prestaties van de kernactiviteiten, groeide de omzet van de divisie Digital Print & Chemicals in 2019 met 5,5%. In het inkjet-segment boekten de inktproducten een volume- en omzetgroei. De verkoop van grootformaatmachines steeg eveneens op basis van het succes van de high end-systemen zoals de Jeti Tauro H3300 LED. In het Industrial Films & Foils-segment presteerde het Synaps Synthetic Paper-gamma goed, ook omdat Agfa's papiergamma verdeeld wordt in een toenemend aantal geografieën. Het Orgacon Electronic Materials-gamma van het Electronic Print-segment rapporteerde eveneens goede omzetcijfers. Voorts boekt de divisie vooruitgang in een aantal veelbelovende gebieden. Zo leidt de opkomst van de waterstofeconomie bijvoorbeeld tot een groeiende interesse in Agfa's membranen voor alkaline waterelektrolyse.

Offset Solutions

De omzet van de divisie Offset Solutions bleef nagenoeg stabiel op 843 miljoen euro. Medio 2019 begon de consolidatie van de verkoop komende van de Lucky HuaGuang Graphicsalliantie zichtbaar te worden in de omzet van de divisie.

De divisie Offset Solutions is actief in structureel achteruitgaande markten. De offsetindustrie wordt gekenmerkt door een sterke daling in de vraag naar analoge drukvoorbereidingstechnologie en door dalende volumes voor kranten en commercieel drukwerk. De divisie blijft ook kampen met prijsdruk, veroorzaakt door de intense concurrentiestrijd, en met hoge aluminiumkosten. In de toekomst kunnen nieuwe uitdagingen zoals de uitbraak van het coronavirus eveneens een invloed hebben op de resultaten van de divisie. De ontwikkelingen in de offsetindustrie verklaren het boeken van een waardeverminderingsverlies door de Groep in het vierde kwartaal.

Met 38% van de Groepsomzet is Offset Solutions de grootste divisie. Radiology Solutions vertegenwoordigt 24%, HealthCare IT 22% en Digital Print & Chemicals 16% van de Groepsomzet.

In 2019 was Europa goed voor 43% van de Groepsomzet (2018: 44%). NAFTA stond voor 21% (2018: 24%). Azië/Oceanië/Afrika 29% (2018: 25%) en Latijns-Amerika 7% (2018: 7%).

63

AANGEPASTE EBITDA (1) (MILJOEN EURO)

AANGEPASTE EBIT (1) (MILJOEN EURO)

WINST UIT DE BEDRIJFSACTIVITEITEN (MILJOEN EURO)

Resultaten

De brutowinst van de Groep voor reorganisatiekosten en niet-recurente resultaten groeide van 710 miljoen euro (32,4% van de omzet) in 2018 tot 729 miljoen euro (32,6% van de omzet) in 2019.

De brutowinstmarge van de divisie HealthCare IT verbeterde sterk van 44,2% van de omzet in 2018 tot 46,6%. Aanzienlijke verbeteringen op het vlak van service-efficiëntie, de sterke softwareverkoopcijfers en de heroriëntatie van de Imaging IT Solutions-activiteiten hadden een positieve invloed op de rendabiliteit. Zonder het effect van IFRS 16 steeg de aangepaste EBITDA van 48,7 miljoen euro (9,9% van de omzet) in 2018 tot 63,2 miljoen euro (12,5% van de omzet). De aangepaste EBIT kwam uit op 48,6 miljoen euro (9,6% van de omzet), tegenover 34,4 miljoen euro (7,0% van de omzet) in het voorgaande jaar.

Deels door verbeterde service-efficiëntie en door de effecten van de reorganisatie van de hardcopy-distributiekanalen, groeide de brutowinstmarge van de divisie Radiology Solutions van 34,7% van de omzet in 2018 tot 37,4%. Zonder de effecten van IFRS 16 steeg de aangepaste EBITDA van 72,7 miljoen euro (14,1% van de omzet) in 2018 tot 88,5 miljoen euro (16,5% van de omzet). De aangepaste EBIT bereikte 72,0 miljoen euro (13,4% van de omzet), tegenover 59,8 miljoen euro (11,6% van de omzet) in het voorgaande jaar.

De brutowinstmarge van de divisie Digital Print & Chemicals verbeterde van 27,7% van de omzet in 2018 tot 28,4%. Zonder de effecten van IFRS 16 kwam de aangepaste EBITDA van de divisie uit op 29,3 miljoen euro (8,2% van de omzet), tegenover 34,0 miljoen euro (10,1% van de omzet) in 2018. De aangepaste EBIT bedroeg 22,3 miljoen euro (6,3% van de omzet), tegenover 28,1 miljoen euro (8,4% van de omzet). Doordat het grootste effect van de strategische alliantie voor digitale UV-inkten voor verpakkingsdruk met Siegwerk Druckfarben achter de rug is, werd de aangepaste EBITDA-marge in 2019 negatief beïnvloed. Zonder dit effect zou de aangepaste EBITDA-marge aanzienlijk gestegen zijn.

De brutowinstmarge van de divisie Offset Solutions daalde van 26,1% van de omzet in 2018 tot 22,9%. Een deel van deze achteruitgang had te maken met het verwaterende effect van de consolidatie van de omzet uit de Lucky-alliantie. Voorts hadden ook ongunstige product- en regionale mix-effecten, toegenomen stilstand ten gevolge van overcapaciteit en hoge aluminiumkosten een impact op de brutowinstmarge. Zonder de effecten van IFRS 16 bedroeg de aangepaste EBITDA 16,5 miljoen euro (2,0% van de omzet) tegenover 41,0 miljoen euro (4,8% van de omzet) in 2018. De aangepaste EBIT kwam uit op min 1,4 miljoen euro (min 0,2% van de omzet), tegenover 19,7 miljoen euro (2,3% van de omzet).

De O&O-kosten bedroegen 148 miljoen euro (6,6% van de omzet), tegenover 141 miljoen euro (6,4% van de omzet) in 2018. Dit toont duidelijk aan dat de Groep zich inzet voor de ontwikkeling van innovatieve oplossingen die zorgverleners, drukkers en industriële klanten aanzienlijke waarde bieden.

Zonder het effect van IFRS 16 bleef de aangepaste EBITDA stabiel op 180 miljoen euro (8,1% van de omzet). De aangepaste EBIT kwam uit op 124 miljoen euro (5,5% van de omzet), tegenover 128 miljoen euro (5,8% van de omzet) in 2018.

De reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten (inclusief IFRS 16) kwamen uit op een kost van 112 miljoen euro, tegenover een kost van 66 miljoen euro in 2018. In dit bedrag zit een waardeverminderingsverlies van 66,7 miljoen euro vervat dat werd geboekt om de evolutie van de offsetindustrie te weerspiegelen.

De nettofinancieringskosten (inclusief IFRS 16) bedroegen 38 miljoen euro tegenover 39 miljoen euro in 2018.

De belastingkosten (inclusief IFRS 16) bedroegen 28 miljoen euro, tegenover 34 miljoen euro in 2018.

KERNCIJFERS BALANS

(MILJOEN EURO)

HANDELSWERKKAPITAAL (MILJOEN EURO/% VAN DE OMZET)

NETTO FINANCIËLE SCHULD (MILJOEN EURO) EXCL. IFRS 16

NETTOKASSTROMEN UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN (MILJOEN EURO)

Als gevolg van de bovenvermelde elementen boekte de Agfa-Gevaert Groep een nettoverlies van 48 miljoen euro (inclusief IFRS 16).

Balans

Aan het eind van 2019 bedroegen de totale activa 2.294 miljoen euro (inclusief recht-opgebruik activa, in overeenstemming met de nieuwe boekhoudkundige norm i.v.m. leases: 110 miljoen euro aan het einde van 2019), tegenover 2.367 miljoen euro eind 2018.

Handelswerkkapitaal

Het handelswerkkapitaal evolueerde van 653 miljoen euro (29% van de omzet) eind 2018 naar 579 miljoen euro (26% van de omzet) aan het einde 2019 (exclusief de herwerking door de stopzetting van de doorverkoopactiviteiten voor inkjetmedia in de VS).

Financiële schuld

De netto financiële schuld bedroeg 219 miljoen euro (of 106 miljoen euro exclusief de IFRS 16-impact), tegenover 144 miljoen euro eind 2018.

Pensioenverplichtingen

In 2019 nam de Agfa-Gevaert Groep bijkomende maatregelen om de risico's van de pensioenverplichtingen te verminderen. In 2019 heeft de groep een tweejarig programma afgerond dat bestaat uit verschillende initiatieven om het pensioenrisico te verminderen in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk. Ondanks deze maatregelen zijn in 2019 de nettopensioenverplichtingen voor de materiële landen, exclusief toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement, gestegen met 67 miljoen euro, voornamelijk vanwege de verlaagde disconteringsvoet.

Eigen vermogen

In 2019 bedroeg het eigen vermogen 130 miljoen euro, tegenover 290 miljoen euro eind 2018.

Kasstroom

De nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten bedroegen 123 miljoen euro tegenover min 44 miljoen euro in 2018.

Conclusie

In 2019 genereerde de Agfa-Gevaert Groep sterke kasstromen en dankzij een doelgericht plan kon ze het werkkapitaal gevoelig verminderen. Bijgevolg daalde de netto financiële schuld (excl. de impact van IFRS 16) met 38 miljoen euro en dat ondanks de uitvoering van maatregelen ter vermindering van de pensioenrisico's.

Zowel de divisie Radiology Solutions als de divisie HealthCare IT leverde rendabele groei. Zonder de impact van de uitdoving van de positieve effecten van de alliantie met Siegwerk, konden de kernactiviteiten van de divisie Digital Print & Chemicals eveneens hun rendabiliteit gevoelig optrekken. Bijgevolg boekte de Agfa-Gevaert Groep ondanks de verslechterde omstandigheden in de offsetmarkten een verhoging van de brutowinst en een stabiele aangepaste EBITDA.

De Agfa-Gevaert Groep kon sterke kasstromen genereren en buiten Offset Solutions konden alle divisies een onderliggende winstgroei leveren. De komende kwartalen zal Agfa zich concentreren op acties om zich te wapenen tegen de tegenwind in de offsetindustrie. Voorts zal Agfa ervoor zorgen dat de groeimotoren de kans krijgen om zich volledig te ontplooien.

65

Commentaar bij de jaarrekening Agfa-Gevaert NV

De jaarrekening, zoals ze zal worden voorgelegd aan de Algemene Vergadering van 12 mei 2020, werd door de Raad van Bestuur aan de waarderingsregels getoetst en in die vorm goedgekeurd.

Aan de Algemene Vergadering zullen de hierna volgende punten in het bijzonder ter goedkeuring worden voorgelegd:

De jaarrekening sluit met een verlies voor het boekjaar 2019 van 407.391.095,73 euro.

De Raad van Bestuur stelt vast uit de resultatenrekening dat de vennootschap in twee opeenvolgende jaren een verlies heeft geleden. Artikel 96, 6° van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen vereist dat de Raad van Bestuur de waarderingsregels in de veronderstelling van continuïteit verantwoordt. Aangezien echter de continuïteit van een houdstervennootschap, zoals Agfa-Gevaert NV, in hoofdzaak afhankelijk is van deze van de geconsolideerde groep in haar geheel, verwijst de Raad van Bestuur naar de cash positie op groepsniveau alsook naar de nog beschikbare kredietfaciliteiten op balansdatum.

Er wordt voorgesteld om dit verlies toe te wijzen aan het overgedragen resultaat:

• Hierdoor bedraagt het overgedragen resultaat -225.526.473,25 euro (verlies).

Toelichtingen bij de belangrijkste posten van de jaarrekening

In 2019 realiseerde de Vennootschap een omzet van 427,5 miljoen euro. Dit is tegenover de omzet van 2018 (432,1 miljoen euro) een daling met 1,1%. Deze daling wordt verklaard door een stijging van de prijzen (+2,0%), een volume/mix daling (-4,7%) en een positief wisselkoersverschil (+1,6%).

De bedrijfswinst bedraagt voor 2019 3,7 miljoen euro. Dit is een stijging tegenover 2018 met 5,9 miljoen euro.

Het financieel resultaat is 286,6 miljoen euro ongunstiger dan in 2018, waardoor het verlies van het boekjaar voor belasting uitkomt op -407,9 miljoen euro (2018: -127,2 miljoen euro).

Na de belastingen op het resultaat (2019: 0,5 miljoen euro, 2018: 0,4 miljoen euro) komt het verlies van het boekjaar op -407,4 miljoen euro (2018: -126,8 miljoen euro). Dit is tevens het te bestemmen resultaat van het boekjaar. Dit is tegenover 2018 een toename van het verlies met 280,6 miljoen euro.

De Vennootschap besteedde in België in 2019 11,2 miljoen euro aan onderzoek en ontwikkeling.

In 2019 is het personeelsaantal van Agfa-Gevaert NV in België met 57 eenheden gedaald tot 2.074 personeelsleden per 31 december 2019. Deze daling is de resultante van de aanwerving van 76 medewerkers, terwijl 133 medewerkers het bedrijf verlieten.

De vaste inrichting van de Vennootschap in het Verenigd Koninkrijk boekte in 2019 een verlies van 13,2 miljoen euro.

Businessactiviteiten in 2019

Radiology Solutions

Agfa's divisie Radiology Solutions gebruikt nieuwe technologieën en traditionele knowhow om medische beeldvormingsoplossingen te creëren die zorgverstrekkers nieuwe inzichten geven en die voldoen aan de steeds veranderende noden van de zorgsector. Door hen te ondersteunen bij hun migratie van analoog naar digitaal helpt Agfa zijn klanten om de kwaliteit en de efficiëntie van hun patiëntenzorg te verbeteren. Elke dag bewijst Agfa dat medische beeldvorming in zijn DNA zit.

Radiology Solutions in 2019

In de divisie Radiology Solutions werd de omzetstijging van hardcopy en van direct radiography deels uitgevlakt door de marktgedreven achteruitging in de verkoop van computed radiography-systemen. Duidelijk voordeel halend uit de reorganisatie van de distributiekanalen in China, boekte de hardcopybusiness een omzetgroei met dubbele cijfers. De omzetgroei van het innovatieve Direct Radiography-gamma was ook het gevolg van hogere service-inkomsten.

Deels door verbeterde service-efficiëntie en door de effecten van de reorganisatie van de hardcopy-distributiekanalen, groeide de brutowinstmarge van de divisie van 34,7% van de omzet in 2018 tot 37,4%. Zonder de effecten van IFRS 16 steeg de aangepaste EBITDA van 72,7 miljoen euro (14,1% van de omzet) in 2018 tot 88,5 miljoen euro (16,5% van de omzet). De aangepaste EBIT bereikte 72,0 miljoen euro (13,4% van de omzet), tegenover 59,8 miljoen euro (11,6% van de omzet) in het voorgaande jaar.

MILJOEN EURO 2019
(excl. IFRS 16)
2018
Herwerkt (excl. IFRS 16)
% evolutie
(excl. wisselkoerseffecten)
Opbrengsten 536 514 4,2% (3,2%)
Aangepaste EBITDA (*) 88,5 (**) 72,7 21,7%
% van de omzet 16,5% 14,1%
Aangepaste EBIT (*) 72,0 (**) 59,8 20,4%
% van de omzet 13,4% 11,6%
Resultaten uit bedrijfsactiviteiten 63,7 52,2 22,1%

(*) Voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten.

(**) Aangepaste EBITDA inclusief IFRS 16 voor 2019: 97,1 miljoen euro. Aangepaste EBIT inclusief IFRS 16 voor 2019: 72,4 miljoen euro.

Een expert in medische beeldvorming

Agfa is een wereldwijde aanbieder van traditionele röntgenfilm, hardcopyfilm en -printers, digitale radiografieapparatuur en beeldverwerkingssoftware. De oorsprong van Agfa ligt in de traditionele beeldvorming, maar in de hedendaagse zorgsector is digitale radiografie de dominante technologie geworden.

Door de concurrentie van de diagnose op beeldscherm gaat ook de markt voor hardcopyfilm – waarop digitale beelden afgedrukt worden – achteruit in de VS en in West-Europa. In de opkomende markten blijft dit marktsegment echter groeien. Naast hardcopyfilm levert Agfa ook hardcopy-printers. Deze systemen geven clinici de mogelijkheid om digitale beelden af te drukken die gemaakt zijn met radiografieapparatuur en met andere modaliteiten, zoals CT- en MRI-scanners.

In het segment van de digitale radiografie is Agfa actief met technologie voor computed radiography (CR) en direct radiography (DR). Doordat het compatibel is met traditionele radiografieapparatuur, biedt CR ziekenhuisafdelingen die intensief met beelden werken een betaalbare instap in de digitale beeldvorming. DR wordt vaak gekozen door ziekenhuisafdelingen die een hogere capaciteit en de onmiddellijke beschikbaarheid van kwaliteitsvolle digitale beelden eisen. Veel ziekenhuizen combineren CR en DR om tegemoet te komen aan al hun noden op het vlak van röntgenonderzoek. Als technologische leider voor beide vakgebieden is Agfa als geen ander in staat om zorgcentra die willen investeren in digitale beeldvorming oplossingen op maat aan te bieden.

Alle CR- en DR-systemen van Agfa werken met de toonaangevende MUSICA-beeldverwerkingssoftware en het MUSICA-werkstation voor beeldidentificatie en -acquisitie en kwaliteitscontrole.

Door gebruik te maken van Agfa's DR-oplossingen en MUSICA-software kunnen radiologen de stralingsdosis tot 60% verminderen. (1)

60% 440.000

Agfa heeft over de hele wereld meer dan 7.500 DR-systemen geïnstalleerd. Samen zorgen zij voor meer dan 440.000 beeldvormingsonderzoeken per dag.

Kleine patiënten, grote prioriteit

Kinderen zijn gevoeliger voor straling en de cumulatieve effecten ervan dan volwassenen. Daarom is het voor hen zelfs nog belangrijker dat Agfa HealthCare's digitale radiografiesystemen ontworpen zijn volgens het ALARA-principe (as low as reasonably achievable – zo laag als redelijkerwijs mogelijk). Dat moet zorgen voor de optimale balans tussen lage stralingsdoses en hoge beeldkwaliteit.

Product van het jaar

Agfa ontving de Frost & Sullivan 2019 Global New Product Innovation Award voor zijn DR 800 Multi-Purpose DR-systeem. Met het DR 800-systeem is slechts één investering nodig voor radiografie, fluoroscopie en geavanceerde klinische applicaties. De onderzoeks- en consultingfirma Frost & Sullivan prees Agfa's DR 800 omdat hij bijdraagt aan het stroomlijnen van de beeldvormingsworkflows en de verbetering van de productiviteit en de patiëntenzorg.

Commerciële successen

In 2019 tekende Agfa een groot aantal opvallende contracten met ziekenhuizen en ziekenhuisgroepen over de hele wereld. Aan het einde van het jaar had Agfa wereldwijd meer dan 69.000 DRYSTAR-hardcopy-printers en 81.500 digitale radiografiesystemen geïnstalleerd. Die laatste werken allemaal met Agfa's toonaangevende Nerve Center en beeldverwerkingssoftware MUSICA.

Radiology Solutions Klantenverhalen

Médecins Sans Frontières (MSF) Logistique

MSF Logistique koos Agfa voor de levering van 20 draadloze DR Retrofit-systemen. Deze systemen zullen gebruikt worden om de bestaande mobiele röntgensystemen van het TB-Speed-project te upgraden. TB-Speed wil een kostenefficiënte manier vinden om tuberculose onder kinderen uit te roeien in risicogebieden als Sierra Leone, Ivoorkust, Kameroen, Oeganda, Mozambique en Cambodia.

"Agfa's DR-systemen, inclusief de MUSICA-beeldverwerkingssoftware, zullen een belangrijke rol spelen in dit project. Ze maken TB beter detecteerbaar met kwaliteitsvolle beelden, vooral voor pediatrische borstonderzoeken."

Doris A-Hilares, MSF Logistique

Chesapeake Regional Medical Center (VS)

Agfa installeerde een veelzijdige DR 800-röntgenkamer in het Chesapeake Regional Medical Center. Het ziekenhuis koos Agfa's systeem voor zijn flexibiliteit, gebruiksvriendelijkheid en beeldkwaliteit. Een enkele investering stelt het ziekenhuis in staat om in één kamer radiologie- en fluoroscopiestudies en kleine medische interventies te doen. Het systeem werkt met de Dynamic MUSICA-beeldverwerking voor zowel statische als bewegende beelden.

"Met de DR 800 kunnen we meer patiënten aan, terwijl het gebruik van de kamer gemaximaliseerd wordt. De workflow is vlotter en de beeldkwaliteit is uitstekend."

Marcus Foster, Director of Radiology Services in het Chesapeake 72 Regional Medical Center

Kostanay-regio in Kazachstan

In 2019 breidde Agfa de samenwerking met de regio Kostanay in Kazachstan verder uit. In 2018 leverde Agfa zeven DX-D 300 DRsystemen aan ziekenhuizen in de regio. In 2019 werden nog eens vier bijkomende units geïnstalleerd in ziekenhuizen in meer afgelegen gebieden. Zoals alle DR-systemen van Agfa omvat de DX-D 300-unit het MUSICA Nerve Center, dat naast beeldverwerking een enkele interface biedt voor vlotte en efficiënte beeldvorming.

"Nadat we begonnen te werken met Agfa's DX-D 300, verdubbelde de capaciteit van onze röntgenkamer bijna. De beelden zijn onmiddellijk beschikbaar en de beeldkwaliteit is zeer hoog."

A.H. Ospanov, radiograaf in het Zhemchuzhina-ziekenhuis

HealthCare IT

Een pionier in IT-systemen voor de gezondheidszorgsector

In de jaren 1990 werd HealthCare IT een pionier in IT voor de gezondheidszorg. Sindsdien steunt Health-Care IT zorgcentra en assisteert het de professionals die er werken over afdelingen, vestigingen en netwerken heen bij het leveren van kwaliteitsvolle zorg en het maken van intelligente beslissingen voor hun gemeenschappen en bevolkingen. Als een toonaangevende onderneming in IT voor de gezondheidszorg biedt HealthCare IT zorgorganisaties de middelen om de efficiëntie en de kwaliteit van hun patiëntenzorg te verbeteren.

HealthCare IT in 2019

De omzet van de divisie HealthCare IT groeide met 3,0%. Doorheen het jaar boekten de Healthcare Information Solutions voortdurend een solide omzetgroei, waardoor de toonaangevende positie in de Duitstalige landen van Europa en in Frankrijk bevestigd werd. Voor de Imaging IT Solutions concentreert de divisie zich op het genereren van een kwaliteitsvolle omzet in geselecteerde geografieën en segmenten om zo de rendabiliteit verder te verbeteren. Ondanks de beslissing om de Imaging IT Solutions terug te schroeven in bepaalde minder duurzame markten en segmenten, bleef de omzet van deze business stabiel ten opzichte van het voorgaande jaar. De brutowinstmarge verbeterde sterk van 44,2% van de omzet in 2018 tot 46,6%. Aanzienlijke verbeteringen op het vlak van serviceefficiëntie, de sterke softwareverkoopcijfers en de heroriëntatie van de Imaging IT Solutions-activiteiten hadden een positieve invloed op de rendabiliteit. Zonder het effect van IFRS 16 steeg de aangepaste EBITDA van 48,7 miljoen euro (9,9% van de omzet) in 2018 tot 63,2 miljoen euro (12,5% van de omzet). De aangepaste EBIT kwam uit op 48,6 miljoen euro (9,6% van de omzet), tegenover 34,4 miljoen euro (7,0% van de omzet) in het voorgaande jaar.

In januari 2020 tekenden de Agfa-Gevaert Groep en de Italiaanse onderneming Dedalus een overeenkomst waarbij Dedalus Agfa-Gevaert's Healthcare Information Solutions (EPR/EMR) en Integrated Care-activiteiten (HIE/PHM) zal verwerven in de DACH-regio, Frankrijk en Brazilië, evenals de Imaging IT-activiteiten voor zover deze activiteiten nauw geïntegreerd zijn in de activiteiten op het vlak van Healthcare Information Solutions in deze drie geografieën. In alle andere geografieën zijn HealthCare IT's Imaging IT Solutions, te weten de IMPAX- en Enterprise Imaging-systemen (PACS, RIS, CVIS, VNA, Viewer,…) niet betrokken bij de overeenkomst.

MILJOEN EURO 2019
(excl. IFRS 16)
2018
Herwerkt (excl. IFRS 16)
% evolutie
(excl. wisselkoerseffecten)
Opbrengsten 505 490 3,0% (1,6%)
Aangepaste EBITDA (*) 63,2 (**) 48,7 29,8%
% van de omzet 12,5% 9,9%
Aangepaste EBIT (*) 48,6 (**) 34,4 41,1%
% van de omzet 9,6% 7,0%
Resultaten uit bedrijfsactiviteiten 39,7 21,2 87,7%

(*) Voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten.

(**) Aangepaste EBITDA inclusief IFRS 16 voor 2019: 78,6 miljoen euro. Aangepaste EBIT inclusief IFRS 16 voor 2019: 49,7 miljoen euro.

Imaging IT Solutions Business

Voor zorgaanbieders over de hele wereld staan HealthCare IT's Imaging IT Solutions garant voor betrouwbaarheid en efficiëntie. Na de introductie van digitale radiografie in de vroege jaren '90, werd HealthCare IT een van de eerste ondernemingen die radiologieafdelingen IT-systemen aanbood voor het efficiënt bewaren, beheren, verwerken en verdelen van digitale medische beelden van diverse beeldvormingsmodaliteiten. Deze Picture Archiving and Communication Systems (PACS) zijn vaak gekoppeld aan gespecialiseerde informatiesystemen, zoals Radiology Information Systems (RIS).

Op basis van zijn ervaring op het vlak van radiologie, begon HealthCare IT een aantal IT-oplossingen te ontwikkelen voor andere ziekenhuisafdelingen die intensief met medische beelden werken, zoals cardiologie, orthopedie en nucleaire geneeskunde, alsook voor bepaalde gespecialiseerde medische disciplines, zoals vrouwengeneeskunde en digitale pathologie.

Terwijl PACS- en RIS-systemen oorspronkelijk afdelingsgebonden waren, zoeken zorgorganisaties nu Imaging IT-systemen die ervoor zorgen dat alle medisch relevante beelden hun weg vinden naar het elektronisch gezondheidsdossier (Electronic Health Record) van de patiënt.

HealthCare IT anticipeerde op deze evolutie met zijn Enterprise Imaging-platform. Deze oplossing creëert voor elke patiënt een echt beeldvormingsdossier met alle medische beelden, in welke afdeling of vestiging die ook gemaakt zijn. Omdat het beelden en de daaraan verbonden gegevens onmiddellijk in het hele ziekenhuis, de zorgorganisatie of zelfs in alle medische centra van een regionaal netwerk beschikbaar maakt, zorgt het Enterprise Imaging-platform voor een snellere diagnose en een betere patiëntenzorg en ondersteunt het zorgsystemen op zakelijk, klinisch en operationeel vlak.

Agfa-klanten halen consistent hoge resultaten

In zijn Enterprise Imaging-rapport 2019 zegt KLAS 1 staat dat early adopters van het Enterprise Imaging-platform een sterke strategische betrokkenheid melden. Een andere bevinding in het rapport stelt dat Agfa-klanten consistent hoge resultaten halen. KLAS is een onderzoeksbureau dat zich richt op het verbeteren van de zorgverlening. De rapporten zijn gebaseerd op de feedback van zorgorganisaties en clinici.

HealthCare IT's Enterprise Imaging-platform is in gebruik in meer dan 450 zorgvestigingen in de wereld.

(jaarlijks # beelden 8 miljard jaarlijks # studies 64 miljoen)

Healthcare Information Solutions

De grens van de beeldvorming overschrijdend, werpt HealthCare IT zich op als een toonaangevende speler in de snel groeiende markt van de allesomvattende, ondernemingsbrede IT-systemen. HealthCare IT's toonaangevende Hospital Information System (HIS)/Clinical Information System (CIS) ORBIS verbindt medische afdelingen en administratieve ziekenhuisafdelingen in één virtueel netwerk. Het versnelt de diagnose en de behandeling door een onmiddellijke en volledige toegang te bieden tot alle relevante patiëntengegevens – inclusief medische beelden en klinische en administratieve data. Bovendien ondersteunt het de administratie, de facturatie, het inplannen van afspraken en onderzoeken en de financiële rapportering. Het systeem kan dienen als basis voor een volwaardig elektronisch patiëntendossier (Electronic Patient Record - EPR). Kortom, het is ontwikkeld om zorgorganisaties te helpen om hun productiviteit te verhogen, hun zorgverlening te verbeteren en hun kosten te drukken. HealthCare IT's stapsgewijze aanpak biedt zorgorganisaties de mogelijkheid om hun HIS/CIS-oplossingen aan hun eigen tempo in te voeren. De verschillende modules kunnen afzonderlijk geïnstalleerd worden op maat van de wensen van de klant.

Het tweede belangrijke systeem in het Healthcare Information Solutions-aanbod van HealthCare IT is het ondernemingsbrede documentbeheersysteem. Het geeft zowel grote als kleine ziekenhuizen en zorgcentra de mogelijkheid om al hun documenten op papier en hun elektronische documenten te integreren, waardoor ze een volledig digitaal archief voor patiëntendossiers kunnen creëren. Het systeem verkleint de behoefte aan fysieke archiveringsruimte, vermindert de tijd die nodig is om dossiers op te vragen en verlaagt de kosten die daarmee verbonden zijn.

Integrated Care Solutions

HealthCare IT zette de laatste jaren strategische stappen om de markt van de geïntegreerde zorg (integrated care) te betreden. Integrated care wordt algemeen beschouwd als een cruciaal element in de inspanningen om gezondheidzorgsystemen duurzaam te houden. Integrated care-systemen ondersteunen de samenwerking over de grenzen van zorgorganisaties en medische disciplines heen. Ze geven ziekenhuizen de mogelijkheid om actief samen te werken met alle belanghebbenden in het uitgebreide zorgproces, inclusief dokters, informele zorgverstrekkers en patiënten. Zo bieden ze de patiënt de kans om een echte partner in het eigen zorgproces te worden. Deze systemen zouden de kwaliteit van de zorg en de ervaring van de patiënt meetbaar moeten verbeteren. Daarnaast zouden ze de vraag naar dure en veel middelen kostende spoed- en ziekenhuisdiensten moeten doen afnemen.

Commerciële successen

Healthcare Information Solutions

In 2019 bevestigde HealthCare IT zijn leiderspositie in Europa (vooral in Frankrijk en de Duitstalige landen) voor zorginformatiesystemen met zijn ORBIS Hospital Information Systems (HIS)/Clinical Information Systems (CIS) en zijn ondernemingsbreed systeem voor het beheer van documenten.

Eind 2019 was de ORBIS HIS/CIS-oplossing geïnstalleerd in meer dan 1.350 Europese zorgcentra. Ook het aantal geïnstalleerde ondernemingsbrede systemen voor documentbeheer bleef groeien, met verscheidene nieuwe installaties in Europa, Noord-Amerika en Zuid-Amerika.

Integrated Care Solutions

HealthCare IT streeft ernaar een sleutelspeler te worden in de Integrated Care-sector van de gezondheidszorgmarkt. Nadat het in 2016 zijn eerste stappen in dit gebied zette, heeft HealthCare IT verscheidene Integrated Care-contracten getekend in de daaropvolgende jaren.

Imaging IT Solutions

AdventHealth dat door US News en World Report gerangschikt wordt als het "#1 Zekenhuis in Florida", vertrouwt al meer dan 20 jaar op de technologie van Agfa HealthCare ter ondersteuning van hun missie om het Healing Ministry of Christ uit te breiden. Het leiderschap van AdventHealth heeft het systeem doen groeien in de negen staten waar het actief is en zocht naar een manier om de kwaliteit van de patiëntenzorg snel te standaardiseren bij het binnenbrengen van nieuwe ziekenhuizen in hun netwerk. Ze vonden hun oplossing in het Agfa HealthCare Enterprise Imaging Platform en zijn convergentietechnologie. AdventHealth is aan het upgraden om geconvergeerde lokale en collaboratieve diensten te leveren in hun radiologie, mammografie en andere groeiende servicelijnen.

HealthCare IT Klantenverhalen

Noordwest Ziekenhuisgroep (Nederland)

De Nederlandse Noordwest Ziekenhuisgroep besliste om zowel haar bestaande PACS voor radiologie van HealthCare IT als het beeldbeheersysteem van andere beeldproducerende afdelingen te vervangen door HealthCare IT's Enterprise Imaging. Het eengemaakte Enterprise Imaging-platform beheert alle beelden binnen de ziekenhuisgroep en biedt clinici een snelle toegang vanuit hun EMR-omgeving (EMR: elektronisch medisch rapport).

"We zien duidelijke en aanzienlijke voordelen aan het hebben van een enkele oplossing voor het beheren en opslaan van alle medische beelden die in onze verschillende vestigingen genomen werden. De integratiekracht van het open Enterprise Imaging-platform vergemakkelijkt het gebruik van het EMR voor onze specialisten."

Ed de Myttenare, CIO van Noordwest Ziekenhuisgroep

Princess Alexandra Hospital NHS Trust (VK)

HealthCare IT installeerde zijn Enterprise Imaging for Radiology-platform in de drie vestigingen van de Princess Alexandra Hospital NHS Trust (PAHT). De oplossing helpt de radiologieafdeling van de Trust om de groeiende vraag naar zijn diensten aan te kunnen. De installatie van het Enterprise Imaging-platform zorgde voor een toename van de productiviteit met 45%. De achterstand in radiologie werd weggewerkt en het systeem maakt live rapportering mogelijk, wat aanzienlijke voordelen oplevert voor zowel de patiënten als de Trust.

"Dankzij Enterprise Imaging konden we de productiviteit met 45% verhogen. We hebben de workflows en de communicatie binnen ons team verbeterd, onze personeelsleden verwerven meer vaardigheden en zij zijn tevredener. Dit heeft enorme voordelen opgeleverd voor onze patiënten: de zorg is beter, sneller en meer praktijkgericht."

Stephen Townrow, Imaging Systems Manager bij PAHT

Assistance Publique – Hôpitaux de Paris (AP-HP) (Frankrijk)

AP-HP installeert HealthCare IT's ORBIS-oplossing in het pediatrische ziekenhuis Robert Debré. Wanneer de installatie afgerond is, zullen alle 39 AP-HP-ziekenhuizen hetzelfde eengemaakte ORBIS hospital information system delen. Met meer dan 75.000 professionele ORBIS-gebruikers is het AP-HPproject wereldwijd een van de meest ambitieuze IT-projecten in de gezondheidszorg.

Saolta University Health Care Group (Ierland) Altnagelvin Area Hosptital (Noord-Ierland, VK)

HealthCare IT's zorgbeheersysteem werd geselecteerd ter ondersteuning van het gezamenlijke radiotherapieproject van de Saolta University Health Care Group en Altnagelvin Area Hospital, deel van de Western Health and Social Care Trust. Dit grensoverschrijdende project geeft patiënten uit County Donegal (Ierland) de mogelijkheid om radiotherapie te krijgen in het nabijgelegen Altnagelvin Area Hospital in Derry (Noord-Ierland).

"Te horen krijgen dat je kanker hebt, valt niet mee. Zonder dit project zou ik vanwege de afstand acht weken van huis weg moeten voor mijn behandeling. Nu kan ik over de grens in Derry radiotherapie krijgen. Dat is minder dan een uur van thuis."

Patrick McArdle, patiënt

81

Digital Print & Chemicals

Agfa's divisie Digital Print & Chemicals is een toonaangevende leverancier van digital drukoplossingen voor sign & display-toepassingen en industriële toepassingen en van innovatieve producten voor niche-industrieën. De divisie ontwikkelt, produceert en verkoopt hypemoderne drukapparatuur en een breed gamma van erg gespecialiseerde inkten voor specifieke toepassingen. Voorts levert de divisie klanten en verschillende industriële markten een breed gamma van klassieke films, gecoate producten en speciale chemicaliën.

Digital Print & Chemicals in 2019

Op basis van de sterke prestaties van de kernactiviteiten, groeide de omzet van de divisie Digital Print & Chemicals in 2019 met 5,5%.

In het inkjet-segment boekten de inktproducten een volume- en omzetgroei. De verkoop van grootformaatmachines steeg eveneens op basis van het succes van de high end-systemen zoals de Jeti Tauro H3300 LED. Voorts boekte de divisie vooruitgang in het veelbelovende industriële inkjet-segment, vooral op het vlak van het bedrukken van vloeren en leder.

In het Industrial Films and Foils-segment presteerde het Synaps Synthetic Paper-gamma goed, ook omdat Agfa's papiergamma verdeeld wordt in een toenemend aantal geografieën. Het Orgacon Electronic Materials-gamma van het Electronic Print-segment rapporteerde eveneens goede omzetcijfers. Voorts boekt de divisie vooruitgang in een aantal veelbelovende gebieden. Zo leidt de opkomst van de waterstofeconomie bijvoorbeeld tot een groeiende interesse in Agfa's membranen voor alkaline waterelektrolyse.

De brutowinstmarge van de divisie verbeterde van 27,7% van de omzet in 2018 tot 28,4%. Zonder de effecten van IFRS 16 kwam de aangepaste EBITDA van de divisie uit op 29,3 miljoen euro (8,2% van de omzet), tegenover 34,0 miljoen euro (10,1% van de omzet) in 2018. De aangepaste EBIT bedroeg 22,3 miljoen euro (6,3% van de omzet), tegenover 28,1 miljoen euro (8,4% van de omzet). Doordat het grootste effect van de strategische alliantie voor digitale UV-inkten voor verpakkingsdruk met Siegwerk Druckfarben achter de rug is, werd de aangepaste EBITDA-marge in 2019 negatief beïnvloed. Zonder dit effect zou de aangepaste EBITDA-marge aanzienlijk gestegen zijn.

MILJOEN EURO 2019
(excl. IFRS 16)
2018
Herwerkt (excl. IFRS 16)
% evolutie
(excl. wisselkoerseffecten)
Opbrengsten 355 337 5,5% (4,1%)
Aangepaste EBITDA (*) 29,3 (**) 34,0 -14,0%
% van de omzet 8,2% 10,1%
Aangepaste EBIT (*) 22,3 (**) 28,1 -20,7%
% van de omzet 6,3% 8,4%
Resultaten uit bedrijfsactiviteiten 17,8 20,6 -13,4%

(*) Voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten.

(**) Aangepaste EBITDA inclusief IFRS 16 voor 2019: 33,9 miljoen euro. Aangepaste EBIT inclusief IFRS 16 voor 2019: 22,5 miljoen euro.

Digital print: hypermoderne machines en inkten

Agfa levert hypermoderne grootformaatprinters en UV-inkten voor de professionele grafische industrie.

Drukkers van borden en displays en klanten die gespecialiseerd zijn in industrieel drukwerk gebruiken Agfa's oplossingen om te drukken op een grote verscheidenheid aan substraten voor steeds meer verschillende toepassingen, zoals borden, posters en displays, promotiemateriaal, verpakking en decoratiemateriaal.

Inkjet is nu het belangrijkste alternatief voor zeefdruk-, gravuredruk- en flexodruktechnologie. Voor het drukken van borden, displays en bepaalde decoratieve toepassingen kan grootformaatinkjet zelfs oplossingen bieden die geen conventioneel alternatief hebben.

Agfa werkt samen met UNILIN

Tijdens de vakbeurs InPrint 2019 toonden Agfa en UNILIN de oplossing die ze samen ontwierpen voor het aan hoge snelheid drukken van grote volumes aan gelamineerde vloeren en meubilair. De oplossing is gebaseerd op traditioneel gecoate grondlagen van UNILIN en perfect hierop afgestemde inkjetinkten van Agfa.

Bekroonde apparatuur

Tijdens de vakbeurs FESPA 2019 ontving Agfa een EDP Award voor zijn inkjetprinter Jeti Tauro H3300 LED. De European Digital Press Association bekroonde Agfa's systeem als beste vlakbed/hybride printer >250m²/u in de categorie 'Groot-en Breedformaatprintsystemen'.

Agfa's druksysteem Jeti Mira 2732 HS LM LED werd door de Specialty Graphic Imaging Association (SGIA) als winnaar van de 2019 Product of the Year award uitgeroepen in de categorie UV/Latex Flatbed (\$200.000-\$500.000).

GREENGUARD Gold

Agfa kreeg het GREENGUARD Gold-certificaat voor zijn UV LED-inkjetinkten voor het bedrukken van borden en displays. Dit certificaat wordt gegeven wanneer producten voldoen aan bepaalde chemische uitstootstandaarden die gelden als de strengste ter wereld. Zo helpen deze producten de luchtvervuiling in gebouwen terug te dringen en het risico op blootstelling aan chemicaliën verkleinen.

Dit certificaat toont aan dat Agfa's inkten gebruikt kunnen worden in gevoelige indoor-omgevingen zoals scholen en zorgcentra. Het is volkomen veilig om ze te gebruiken voor prints die alle muren van een ruimte bedekken.

Commerciële successen

In 2019 bleven de Anapurna- en Jeti-grootformaatprinters overal ter wereld drukkers van borden en displays overtuigen van hun uitstekende drukkwaliteit en hoge productiesnelheden. Het Asanti-workflowsysteem – dat de activiteiten stroomlijnt en kleurenconsistentie garandeert – wordt door klanten vaak genoemd als belangrijk voordeel tegenover concurrenten.

Naast apparatuur en software levert Agfa ook een gamma UV LED-inkten waarmee sign & display-klanten kwaliteitsvol drukwerk op een grote verscheidenheid aan stijve en flexibele substraten kunnen produceren. Bovenop de inkten voor sign&display-klanten levert Agfa ook een uniek gamma performante UV-inkten voor uiteenlopende industriële toepassingen. Het aantal systeemintegratoren, OEM-klanten en andere producenten die gebruik maken van Agfa Graphics' inkten bleef in 2019 gestaag toenemen.

Chemicals: vernieuwende oplossingen voor industriële toepassingen

Agfa levert klanten in verscheidene industriële markten een breed gamma producten. De onderneming blijft klassieke filmtypes produceren voor beeldvormingsmarkten buiten de activiteitsvelden van Agfa's businessdivisies. Het gaat om film voor niet-destructief materiaalonderzoek, luchtfotografiefilm en microfilm. Voorts ontwikkelt en produceert Agfa speciale folies voor toepassingen zoals beveiligde documenten en bedrukbare media, evenals coatings en chemicaliën voor veelbelovende groeimarkten. Via Agfa-Labs deelt Agfa zijn onderzoekskennis en infrastructuur commercieel met derden.

Materials for Printed Electronics: Agfa is een erkende expert op het vlak van geleidende polymeren die gebruikt worden in antistatische beschermlagen voor films en componenten. Gebaseerd op deze producten, ontwikkelde Agfa zijn Orgacon-gamma van geleidende drukinkten, pasta's en emulsies verder voor gebruik in elektronische apparaten en in toepassingen zoals capacitieve sensoren, aanraakschermen en membraanschakelaars. Orgacon zal ook een cruciaal materiaal zijn bij de productie van polymere condensators voor de toekomstige 48 volt-toepassingen in de auto-industrie. De portfolio van Agfa bevat vernieuwende nanozilverinkten voor de productie van stijve en flexibele elektronische circuits. Typische toepassingen zijn gedrukte RFID-antennes en aanraaksensoren. Voortbouwend op de trend van de voorbije jaren, kende de Orgacon-productlijn ook in 2019 een sterke omzetgroei.

Materials for Printed Circuit Boards: Agfa is de belangrijkste producent van phototooling film voor de productie van gedrukte schakelingen (Printed Circuit Boards – PCB) voor de elektronica-industrie. Elektronicaproducenten gebruiken de film om de extreem fijne geleidende circuits op de gedrukte schakelingen te registreren. Omdat inkjet beschouwd wordt als een veelbelovende technologie voor PCB-productie, concentreert Agfa zijn O&O-inspanningen op de ontwikkeling van inkjetinkten voor de productie van gedrukte schakelingen. Deze inkten worden op de markt gebracht onder de DiPaMat-merknaam. Het gamma bestaat uit etch resist-inkten, legend-inkten en soldermask-inkten.

Met zijn Idealine-gamma is Agfa wereldwijd de belangrijkste leverancier van phototooling film. Bijgevolg heeft Agfa zeer waarschijnlijk de hand gehad in de productie van uw TV, PC, wasmachine of om het even welk ander object dat gedrukte schakelingen bevat.

Materials for Renewable Energy: Agfa produceert en verkoopt vlakke membranen voor de productie van waterstof. Zirfon Perl is een separatormembraan met een hoge opbrengst voor gebruik in systemen op basis van alkaline waterelektrolyse (scheiding van water in zuurstof en waterstof). Het materiaal is uitzonderlijk duurzaam, zowel bij ononderbroken als bij onderbroken gebruik. Zirfon Perl groeit snel uit tot de keuze bij uitstek van belangrijke onderzoeksinstituten en systeemontwerpers als vervanging voor traditionele structuren die PPS-doek of asbest bevatten.

Synthetic Paper: Agfa ontwikkelt en verkoopt een gamma synthetische papieren als alternatief voor gelamineerd papier voor toepassingen met hoge eisen op het vlak van duurzaamheid. De papieren worden verkocht onder de merknaam Synaps. Ze worden door gebruikers op prijs gesteld voor hun drukefficiëntie. De inkt hecht zich immers uitzonderlijk snel aan het papier. Bovendien zijn de papieren bestand tegen water, scheuren en UV-licht. De Synaps-papieren kunnen door offsetdrukpersen met standaardinkten bedrukt worden, maar ook door HP Indigo-printers en printers op basis van droge toner. Synaps is geschikt voor een grote verscheidenheid aan toepassingen, zoals labels, displays voor binnen en buiten, signage en commercieel drukwerk. De trend van de voorgaande jaren voortzettend, rapporteerde Agfa een sterke omzetgroei voor zijn synthetische papieren.

Distributieovereenkomst met Fujitex

In 2019 tekenden Agfa en Fujitex een overeenkomst voor de distributie van Agfa's Synaps-papier in Japan. De overeenkomst beklemtoont de toenemende aanvaarding van Synaps over de hele wereld en draagt bij tot de verdere groei van Agfa's synthetische papierbusiness.

Security Documents: Door de groeiende aandacht voor veiligheid en identificatie investeren overheden in hightech elektronische ID-documenten waarvan de authenticiteit snel en efficiënt gecheckt kan worden. Agfa speelt in op de vraag naar fraudebestendige ID-documenten met een gamma van films en chemicaliën voor ABSOLUT-ID, een innovatieve oplossing voor het produceren van ID-kaarten.

Absoluut veilig, absoluut slim

ABSOLUT-ID werd ontwikkeld in samenwerking met het Franse bedrijf LCYS. ABSOLUT-ID biedt kaartproducenten een geïntegreerde en kant-en-klare oplossing voor de productie van beveiligde kaarten. Het is gebaseerd op Agfa's technologie die kaarten op een veilige manier personaliseert in één enkel rol-op-kaart productieproces.

33345 DRIVING LICENSE
Name
Julie
De La Carte
Dust of birth
Driving Interest must
1234-567/890
1995-08-22
Place of Great
Amiens
Expiry.date
terre date
2027-10-03
2017-10-04
Spittere
Numete
Authority)
- 1

Non-Destructive Testing (NDT): Agfa produceert kwaliteitsvolle röntgenfilm voor niet-destructief materiaalonderzoek. Met de film worden onder meer lasnaden in pijplijnen, stalen structuren en vliegtuigrompen getest. Wanneer Agfa in 2003 zijn NDT-businessgroep aan de General Electric Company (GE) verkocht, tekenden beide partijen een langetermijnovereenkomst waardoor Agfa röntgenfilm aan GE kon blijven leveren. Agfa is nu de exclusieve producent van NDT-röntgenfilm en de daarmee verbonden chemicaliën voor Baker Hughes GE.

Aerial Photography: Voor de markt van de luchtfotografie levert Agfa films, chemicaliën en fotopapier.

Microfilm: Agfa ging met Eastman Park Micrographics (EPM) een exclusieve langetermijnovereenkomst aan voor de levering van microfilm. Volgens de overeenkomst produceert Agfa microfilm en daaraan verbonden chemicaliën voor EPM. EPM verdeelt deze producten wereldwijd onder zijn eigen merknaam. De microfilm van Agfa staat bekend om zijn hoge gevoeligheid en zijn uitzonderlijke beeldkwaliteit.

Agfa-Labs: Via Agfa-Labs hebben derden toegang tot de kennis van Agfa's onderzoekers en de installaties van Agfa's Materials Technology Center. Agfa-Labs biedt steun bij het analyseren en ontwikkelen van materialen en coatings. De website van Agfa-Labs (agfa.com/ agfa-labs/cases) bevat voorbeelden van hoe Agfa bedrijven steunt bij het aanpakken van uitdagingen in verscheidene toepassingsgebieden.

Agfa-Labs

Sinds 2011 laat Agfa-Labs derden meegenieten van Agfa's O&O-competenties. Aanvankelijk lag de focus vooral op geavanceerde analytische diensten. Later bleken andere capaciteiten echter ook van waarde voor externe klanten. Zo kan via procesontwikkeling een diepgaande karakterisering en optimalisering van chemische reacties bekomen worden op een manier die opschaling en industrialisatie op een efficiënte manier mogelijk maakt. Op dat vlak resulteerde de samenwerking met InnovisProject in een geoptimaliseerde synthese van belangrijke chemische bouwstenen voor hun Polaroid Originals instant filmproducten, met het oog op een kostenefficiënte, grootschaligere productie.

Digital Print & Chemicals Klantenverhalen

Kroschke sign-international (Duitsland)

Een jaar na de installatie van hun eerste Jeti Tauro H2500 LED-grootformaatprinter investeerde de drukker van veiligheidsignalisatie Kroschke sign-international al in een tweede machine om tegemoet te komen aan de groeiende vraag. Vooral de flexibiliteit van de printer speelde een rol in deze beslissing. De Jeti Tauro H2500 LED produceert aan snelheden tot 275 m² prints tot 2,54 m breed.

"Niets is beter dan een Jeti Tauro op het vlak van rendabiliteit dankzij zijn extreem lage inktverbruik en de combinatie met de Asanti-software. Wil je flexibiliteit en moet je aan de laagste kost en met de best mogelijke kwaliteit drukken op diverse media, dan hoef je niet verder te zoeken."

Andreas Förster, Productiemanager bij Kroschke sign-international

Publi-FDM (België)

Om zijn groeiend aantal orders de baas te kunnen kocht de Belgische drukker van borden en displays Publi-FDM twee grootformaatprinters van Agfa. De Jeti Tauro H2500 LED en de Anapurna RTR3200i LED gaven hen de extra productiviteit en flexibiliteit die ze zochten. Publi-FDM is gespecialiseerd in publiciteit op grootformaat. Het bedrijf creëert banners, LED-displays, lichtreclame, borden, enz.

"We appreciëren zowel de kwaliteit als de productiviteit van de printers waar we nu mee werken. Een andere machine is misschien goedkoper, maar als die tot 4 keer meer inkt verbruikt weet je dat de Agfa-printer de beste total cost of ownership biedt. "

Franky De Meyer, CEO van Publi-FDM

Offset Solutions

Agfa's divisie Offset Solutions heeft tot doel om de voornaamste leverancier te zijn van geïntegreerde drukvoorbereidingssystemen voor commerciële, kranten- en verpakkingsdrukkerijen en om een toonaangevende leverancier te zijn van software voor beveiligingsdrukwerk. De divisie levert geïntegreerde systemen die zowel vernieuwend en betrouwbaar als duurzaam en competitief geprijsd zijn. Ze geven klanten de mogelijkheid om zich op een kostenefficiënte manier aan te passen aan de nieuwe eisen van de markt. Het aanbod van Agfa omvat verbruiksgoederen, apparatuur, software en diensten. Het combineert eigen technologieën en knowhow met die van toonaangevende producenten.

Offset Solutions in 2019

De omzet van de divisie Offset Solutions bleef nagenoeg stabiel op 843 miljoen euro. Medio 2019 begon de consolidatie van de verkoop komende van de Lucky-alliantie zichtbaar te worden in de omzet van de divisie.

De divisie Offset Solutions is actief in structureel achteruitgaande markten. De offsetindustrie wordt gekenmerkt door een sterke daling in de vraag naar analoge drukvoorbereidingstechnologie en door dalende volumes voor kranten en commercieel drukwerk. De divisie blijft ook kampen met prijsdruk, veroorzaakt door de intense concurrentiestrijd, en met hoge aluminiumkosten. In de toekomst kunnen nieuwe uitdagingen zoals de uitbraak van het coronavirus eveneens een invloed hebben op de resultaten van de divisie. De ontwikkelingen in de offsetindustrie verklaren het boeken van een waardeverminderingsverlies door de Groep in het vierde kwartaal.

De brutowinstmarge van de divisie Offset Solutions daalde van 26,1% van de omzet in 2018 tot 22,9%. Een deel van deze achteruitgang had te maken met het verwaterende effect van de consolidatie van de omzet uit de Lucky-alliantie. Voorts hadden ook ongunstige product- en regionale mix-effecten, toegenomen stilstand ten gevolge van overcapaciteit en hoge aluminiumkosten een impact op de brutowinstmarge. Zonder de effecten van IFRS 16 bedroeg de aangepaste EBITDA 16,5 miljoen euro (2,0% van de omzet) tegenover 41,0 miljoen euro (4,8% van de omzet) in 2018. De aangepaste EBIT kwam uit op min 1,4 miljoen euro (min 0,2% van de omzet), tegenover 19,7 miljoen euro (2,3% van de omzet).

MILJOEN EURO 2019
(excl. IFRS 16)
2018
Herwerkt (excl. IFRS 16)
% evolutie
(excl. wisselkoerseffecten)
Opbrengsten 843 850 -0,8% (-2,5%)
Aangepaste EBITDA (*) 16,5 (**) 41,0 -59,8%
% van de omzet 2,0% 4,8%
Aangepaste EBIT (*) (1,4) (**) 19,7
% van de omzet (0,2%) 2,3%
Resultaten uit bedrijfsactiviteiten (80,8) (20,2) 300,8%

(*) Voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten.

(**) Aangepaste EBITDA inclusief IFRS 16 voor 2019: 27,9 miljoen euro. Aangepaste EBIT inclusief IFRS 16 voor 2019: min 1 miljoen euro.

Een betrouwbare partner voor professionele drukkers

Agfa's divisie Offset Solutions is een toonaangevende leverancier van geïntegreerde drukvoorbereidingssystemen en software voor het beveiligen van drukwerk. Overal ter wereld vertrouwen professionele drukkers en uitgevers op de ervaring en uitmuntende technologie van de divisie.

Drukvoorbereiding

De term drukvoorbereiding duidt op de processen voorafgaand aan het eigenlijke drukproces. De drukvoorbereidingsactiviteiten beginnen nadat de beslissingen over de layout van het drukwerk genomen zijn en eindigen waar het eigenlijke drukken start.

Drukkers vertrouwen op Agfa's apparatuur, verbruiksgoederen (zoals drukplaten en grafische film), software en diensten voor bijna elke stap in het voorbereidende proces. De softwarepakketten zijn een sleutelonderdeel van de totale oplossing die aan de drukkers wordt aangeboden. Ze automatiseren het drukvoorbereidingsproces, garanderen een betere kwaliteit en verhogen de kostenefficiëntie.

Hoewel Agfa's drukvoorbereidingssystemen vooral gericht zijn op het informatiedruksegment van de grafische industrie, levert de divisie Offset Solutions ook drukvoorbereidingstechnologie aan klanten die gespecialiseerd zijn in offset- en flexodruk voor verpakkingstoepassingen.

Agfa is een wereldleider op het vlak van digitale drukplaten en van milieuvriendelijke chemievrije drukplaten. Voorts is Agfa een van de weinige nog overgebleven leveranciers van grafische film.

ECO³

Bij het ontwikkelen en creëren van oplossingen – die bestaan uit apparatuur, software en verbruiksgoederen – concentreert Agfa zich op ecologie, kostenefficiëntie en extra gebruiksgemak (ecology, economy, extra convenience of ECO³). Daardoor worden drukprocessen schoner en kostenefficënter. Dankzij Agfa's ECO³-oplossingen kunnen drukkers tot 30% besparen op papier, 40% op inkt en tot 95% op water. Het afvalvolume kan met 50% teruggedrongen worden. In 2019 introduceerde Agfa verscheidene nieuwe ECO³-producten, zoals de zeer gebruiksvriendelijke procesvrije drukplaat Eclipse en de screeningtechnologie Spir@l die drukkers helpt om de drukkwaliteit te verbeteren en de kosten te verlagen.

Strategische alliantie

In 2018 tekende Agfa een strategische alliantie met Lucky HuaGuang Graphics Co. Ltd, de belangrijkste drukvoorbe reidingsonderneming in China. Deze alliantie moet beide ondernemingen in staat stellen om groei te realiseren door de optimalisatie van hun respectieve sterke punten op het vlak van productie, technologie en distributie van drukvoorbereidingsproducten en -diensten. Ze zal verre gaande gevolgen hebben voor zowel de activiteiten van Agfa als de drukvoorbereidingsindustrie in het algemeen. In 2019 zetten Agfa en Lucky HuaGuang Graphics een gezamenlijk verkoopplatform op, dat geleidelijk uitgerold werd over de Chinese provincies.

Beveiligd drukwerk

Agfa biedt waardevolle softwaresystemen aan in diverse fraudegevoelige markten. Zijn speciale beveiligingspakketten helpen ontwerpers van paspoorten, belastingszegels, loterijbiljetten, verpakking en labels, concerttickets, postzegels, certificaten,… om vervalsers te slim af te zijn.

Partnership met HP Indigo

In 2019 kondigden Agfa en HP Indigo een uniek beveiligingssysteem op basis van variabele designs aan voor toepassingen op het vlak van merkbescherming en veiligheidsdrukwerk. HP Indigo Secure Studio Powered by Agfa creëert unieke grafische designs met eindeloze variaties.

Commerciële successen

Ook in 2019 konden Agfa's vernieuwende drukvoorbereidingsystemen opnieuw talrijke nieuwe klanten over de hele wereld overtuigen.

Prepress

Zowel in het commerciële segment als in het krantensegment van de drukindustrie kon Agfa in 2019 zijn sterke positie op het vlak van ecologisch verantwoorde drukvoorbereidingstechnologie bevestigen. Met deze chemievrije computer-to-plate-systemen (CtP) kunnen drukkerijen hun ecologische voetafdruk verkleinen, hun bedrijfskosten verlagen en hun efficiëntie een boost geven. In het commerciële segment is Agfa een technologie- en marktleider met zijn chemievrije CtP-technologie. Ook in het krantensegment bepaalt Agfa de norm. De voorbije tien jaar is al meer dan 90% van Agfa Graphics' klanten in het krantensegment overgestapt op chemievrije technologie.

Naast plaatbelichters, andere apparatuur en drukplaten, omvatten CtP-oplossingen vaak ook ultramoderne workflowsoftware. Op het einde van het jaar waren in commerciële drukkerijen over de hele wereld meer dan 9.500 Apogee-systemen geïnstalleerd. Agfa is ook wereldleider op het vlak van workflowsoftware voor de automatisering van de productie van gedrukte kranten. Uitgevers kunnen deze Arkitex-workflowsystemen ter plekke in de drukvoorbereidingsafdeling bedienen, maar Agfa biedt ze ook aan als 'cloud'-oplossing.

Offset Solutions Klantenverhalen

Stibo Complete (Denemarken)

Stibo Complete, de toonaangevende aanbieder van gedrukte marketingtools in Scandinavië, investeerde in een nieuwe volledig geautomatiseerde drukplaatproductievestiging op basis van Agfa's ECO³-oplossing (inclusief Energy Elite Eco-drukplaten, slimme Arkanaontwikkelmachines en automatisch ladende Avalon N-plaatbelichters). De volledige ECO³-oplossing zal Stibo Complete in staat stellen om de kwaliteit en de productiviteit op te trekken en om het verbruik van chemicaliën, water en elektriciteit gevoelig terug te dringen.

"Dankzij de overeenkomst met Agfa zullen we meer dan 15.000 liter chemicaliën en 130.000 liter leidingwater minder nodig hebben en 10.000 liter chemisch afval minder produceren. Het milieu vaart er wel bij!"

Svend Erik Grue Nielsen, Operations and Development Manager bij Stibo Complete

Amar Ujala Publications Ltd. (India)

Om te besparen op drukkosten zonder in te boeten op kwaliteit investeerde Amar Ujala Publications Ltd. in Agfa's OptiInk-software. De Indische onderneming is de uitgever van het dagblad Amar Ujala. Met 46,5 miljoen lezers is dit de derde grootste krant van het land. Sinds Amar Ujala met OptiInk werkt, is de drukkwaliteit verbeterd en het inktverbruik aanzienlijk gedaald.

"Met Agfa's OptiInk-software hebben we aanzienlijk minder inkt verbruikt zonder een impact op de drukkwaliteit. Op basis van de verzamelde data kunnen we zeggen dat het inktverbruik met 10% afgenomen is."

Atul Kumar Goel, General Manager Production van Amar Ujala

Merkur Druck Group (Zwitserland)

Merkur Druck Group is een toonaangevende aanbieder van drukwerk in Zwitserland, met drie drukkerijen en verscheidene verkoopkantoren doorheen het land. Toen de groep wilde dat de verschillende onderdelen efficiënter, sneller en flexibeler zouden samenwerken, kwam Agfa met het antwoord: de hele Merkur Druck Group overbrengen naar Apogee Cloud.

"Dankzij Apogee Cloud is de drukvoorbereidingsworkflow nu volledig geïntegreerd. Hierdoor kunnen we werken op een manier waar we twee of drie jaar geleden zelfs niet van konden dromen. Bovendien konden we de totale werkingskosten terugdringen."

Thomas Schärer, CEO Merkur Druck AG

Financieel Verslag

VERKLARING OVER HET GETROUWE BEELD IN OVEREENSTEMMING MET HET KONINKLIJK BESLUIT VAN 14 NOVEMBER 2007

De Raad van Bestuur en het Executive Management van Agfa-Gevaert NV, vertegenwoordigd door de heer Klaus Röhrig, Voorzitter van de Raad van Bestuur, de heer Pascal Juéry, President en Chief Executive Officer en de heer Dirk De Man, Chief Financial Officer, verklaren hierbij dat, voor zover hen bekend,

  • de geconsolideerde jaarrekening, opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS), zoals aangenomen door de EU, een getrouw beeld geeft van het vermogen, van de financiële toestand en van de resultaten van de Vennootschap en haar geconsolideerde dochterondernemingen;
  • het jaarverslag een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en de resultaten van de Vennootschap en haar geconsolideerde dochterondernemingen, evenals een beschrijving van de voornaamste risico's en onzekerheden waarmee zij geconfronteerd worden.

De toelichtingen maken integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.

Inhoudstafel

GECONSOLIDEERD FINANCIEEL VERSLAG
VAN DE AGFA-GEVAERT-GROEP
Winst- en verliesrekening 100
Gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten 101
Balans 102
Eigen vermogen 103
Kasstroomoverzicht 104
VOORSTELLINGSBASIS
1 Verslaggevende entiteit waarover wordt gerapporteerd 106
2 Conformiteitsverklaring 106
3 Functionele valuta en presentatievaluta 106
4 Schattingen en oordelen van het management 106
5 Veranderingen en grondslagen voor
financiële verslaggeving
107
JAARPRESTATIES VAN DE ONDERNEMING
6 Te rapporteren segmenten 110
7 Alternatieve methodes om de prestatie van
de Onderneming te meten
116
8 Opbrengsten 117
9 Overige bedrijfsopbrengsten en bedrijfskosten 121
10 Nettofinancieringslasten 123
11 Informatie over de aard van de kosten 124
12 Winst per aandeel 125
PERSONEELSBELONINGEN 125
13 Vergoedingen na uitdiensttreding 126
14 Langetermijnontslagvergoedingen 138
15 Op aandelen gebaseerde betalingen 138
16 Overige personeelsbeloningen 139
BELASTINGEN
17 Winstbelastingen 139
18 Overige belastingvorderingen en -verplichtingen 143
OVERNAMES EN AFSTOTINGEN
19 Overnames 143
20 Afstotingen 146
BEHEER VAN FINANCIËLE RISICO'S
EN FINANCIËLE INSTRUMENTEN 147
21 Marktrisico 148
22 Kredietrisico 155
23 Liquiditeitsrisico 158
24 Kapitaalbeheer 160
25 Verwerkingscategorieën en reële waarden 160
26 Baten, kosten, winsten en verliezen uit
financiële instrumenten
164
ACTIVA
27 Immateriële activa en goodwill 165
28 Materiële vaste activa 170
29 Recht-op-gebruik activa 171
30 Geassocieerde deelnemingen en
overige financiële activa
172
31 Invorderbare minimale leasebetalingen 173
32 Voorraden 174
33 Overige vorderingen 174
34 Geldmiddelen en kasequivalenten 174
35 Vaste activa aangehouden voor verkoop 175
36 Overige activa 175
EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN
37 Eigen vermogen 175
38 Rentedragende verplichtingen 180
39 Voorzieningen 182
40 Handelsschulden en overige te betalen posten 183
41 Overige verplichtingen 183
LIJST VAN DOCHTERONDERNEMINGEN
42 Investeringen in dochterondernemingen 183
43 Investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode 185
OVERIGE INFORMATIE
44 Operationele leaseovereenkomsten 186
45 Verbintenissen en buitenbalansverplichtingen 186
46 Informatieverschaffing over verbonden partijen 187
47 Gebeurtenissen na balansdatum 188
48 Informatie met betrekking tot de opdrachten en
honoraria van de commissaris
189
WAARDERINGSREGELS
49 Waarderingsbasis 189
50 Grondslagen voor financiële verslaggeving 190
51 Nieuwe standaarden en interpretaties van standaarden
gepubliceerd, nog niet van kracht per einde boekjaar
210
Overzichtstabellen voor de laatste vijf jaar
(winst- en verliesrekening, kasstromen, balans)
248

Agfa-Gevaert Groep geconsolideerde winst- en verliesrekening

MILJOEN EURO Toelichting 2018 2019
VOORTGEZETTE ACTIVITEITEN
Opbrengsten 8 2.191 2.239
Kostprijs van de verkopen (1.489) (1.510)
Brutowinst 701 729
Verkoopkosten (306) (299)
Kosten van onderzoek en ontwikkeling (141) (147)
Algemene beheerskosten (172) (176)
Waardeverminderingsverliezen op handels- en andere vorderingen, inclusief
contractuele activa verbonden aan contracten met klanten
26 (5) (4)
Overige bedrijfsopbrengsten 9 56 42
Overige bedrijfskosten 9 (73) (131)
Resultaat uit bedrijfsactiviteiten 6 62 14
Financieringsbaten (-kosten) - netto (8) (8)
Financieringsbaten 10 2 2
Financieringskosten 10 (10) (10)
Overige financieringsbaten (-kosten) - netto (31) (30)
Overige financieringsbaten 10 5 8
Overige financieringskosten 10 (36) (38)
Nettofinancieringslasten (39) (38)
Aandeel van de Groep in het nettoresultaat van geassocieerde deelnemingen,
na winstbelastingen
(1) (1)
Winst (verlies) voor belastingen 22 (25)
Winstbelastingen 17 (34) (28)
Winst (verlies) van voortgezette activiteiten (12) (53)
BEËINDIGDE ACTIVITEITEN
Winst (verlies) van beëindigde activiteit, na winstbelastingen 20 (3) 5
Winst (verlies) over het boekjaar (15) (48)
Winst (verlies) toewijsbaar aan:
Aandeelhouders van de Onderneming (24) (53)
Minderheidsbelangen 9 5
Winst per aandeel (euro)
Gewone winst per aandeel (euro) 12 (0,14) (0,32)
Verwaterde winst per aandeel (euro) 12 (0,14) (0,32)

Agfa-Gevaert Groep geconsolideerde winst- en verliesrekening Agfa-Gevaert Groep - Geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten

MILJOEN EURO Toelichting 2018 2019
Winst (verlies) over het boekjaar (15) (48)
Niet-gerealiseerde resultaten, na winstbelastingen
Niet-gerealiseerde resultaten die geherklasseerd zijn naar de winst- en verliesrekening of in een volgende periode
kunnen geherklasseerd worden naar de winst- en verliesrekening:
Valutakoersverschillen: (1) 7
Valutakoersverschillen voor buitenlandse activiteiten 37.6 (1) 7
Kasstroomafdekkingen: (22) 10
Effectief deel van veranderingen in de reële waarde van kasstroomafdekkingen 37.4 (18) (7)
Nettoverandering in de reële waarde van kasstroomafdekkingen die is overgeboekt
naar de winst- en verliesrekening
37.4 (4) 3
Verandering in de reële waarde die is overgeboekt naar de initiële boekwaarde van
het ingedekte actief
37.4 (4) 14
Winstbelastingen 37.4 4 -
Niet-gerealiseerde resultaten die niet geherklasseerd worden naar
de winst- en verliesrekening
24 (132)
Investering gewaardeerd aan reële waarde via niet-gerealiseerde resultaten -
veranderingen in reële waarde
37.3 (2) (1)
Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen 37.8 26 (139)
Winstbelastingen op de herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van
toegezegdpensioenregelingen
37.8 - 8
Niet-gerealiseerde resultaten over het boekjaar, na winstbelastingen 1 (114)
Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten toewijsbaar aan: (14) (162)
Aandeelhouders van de Onderneming (23) (168)
Minderheidsbelangen 9 5

Agfa-Gevaert Groep - Geconsolideerde balans

MILJOEN EURO Toelichting 31 december, 2018 31 december, 2019
ACTIVA
Vaste activa 1.019 1.060
Goodwill 27 523 492
Immateriële activa 27 93 74
Materiële vaste activa 28 174 142
Recht-op-gebruik activa - 110
Geassocieerde deelnemingen 30 4 4
Overige financiële activa 30 9 8
Handelsvorderingen 16 21
Vorderingen uit leaseovereenkomsten 31 62 62
Overige activa 36 24 24
Uitgestelde belastingvorderingen 18 114 125
Vlottende activa 1.348 1.234
Voorraden 32 498 436
Handelsvorderingen 420 408
Contractuele activa verbonden aan contracten met klanten 105 100
Actuele vorderingen uit winstbelastingen 17 71 75
Overige belastingvorderingen 18 25 25
Vorderingen uit leaseovereenkomsten 31 30 34
Overige vorderingen 33 14 15
Overige activa 36 34 21
Derivaten 25 1 1
Geldmiddelen en kasequivalenten 34 141 107
Vaste activa aangehouden voor verkoop 35 10 10
TOTAAL ACTIVA 2.367 2.294
EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN
Eigen vermogen 37 290 130
Toewijsbaar aan aandeelhouders van de Onderneming 252 83
Maatschappelijk kapitaal 187 187
Uitgiftepremies 210 210
Ingehouden winsten 854 803
Overige reserves (93) (84)
Valutakoersverschillen (9) (5)
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering van
de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen (897) (1.028)
Toewijsbaar aan minderheidsbelangen 38 47
Langlopende verplichtingen 1.336 1.402
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding 13 1.066 1.137
Overige personeelsbeloningen 16 13 12
Rentedragende verplichtingen 38 219 225
Voorzieningen 39 9 5
Uitgestelde belastingverplichtingen 18 22 19
Handelsschulden 40 2 2
Contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten 3 1
Overlopende rekeningen 2 1
Kortlopende verplichtingen 741 761
Rentedragende verplichtingen 38 66 101
Voorzieningen 39 52 45
Handelsschulden 40 217 232
Contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten 40 163 151
Actuele verplichtingen uit winstbelastingen 17 47 49
Overige belastingverplichtingen 18 27 38
Overige te betalen posten 41 17 9
Personeelsbeloningen 16 134 130
Overige verplichtingen 4 1
Derivaten 25 13 5
102 TOTAAL EIGEN VERMOGEN & VERPLICHTINGEN 2.367 2.294

Agfa-Gevaert Groep - Geconsolideerde balans Agfa-Gevaert Groep - Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen

TOEWIJSBAAR AAN AANDEELHOUDERS VAN DE ONDERNEMING
MILJOEN EURO Toelichting Maatschappelijk kapitaal Uitgiftepremie Ingehouden winsten Eigen aandelen Reële waarde reserve Afdekkingsreserve toegezegdpensioenregelingen
Herwaardering van de netto
verplichting uit hoofde van
Valutakoersverschillen TOTAAL MINDERHEIDSBELANGEN
TOEWIJSBAAR AAN
TOTAAL EIGEN VERMOGEN
Balans op 1 januari 2018 187 210 878 (82) 3 10 (923) (8) 275 32 307
Gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten over de periode
Winst (verlies) over het boekjaar - - (24) - - - - - (24) 9 (15)
Niet-gerealiseerde resultaten na winstbelastingen 37.9 - - - - (2) (22) 26 (1) 1 - 1
Totaal van gerealiseerde en
niet-gerealiseerde resultaten
over het boekjaar
- - (24) - (2) (22) 26 (1) (23) 9 (14)
Transacties met aandeelhouders, rechtstreeks verwerkt in het eigen vermogen
Dividenden 37.7 - - - - - - - - - (3) (3)
Totaal van transacties met
aandeelhouders, rechtstreeks
verwerkt in het eigen vermogen
- - - - - - - - - (3) (3)
Balans op 31 december 2018 187 210 854 (82) 1 (12) (897) (9) 252 38 290
Balans op 1 januari 2019 187 210 854 (82) 1 (12) (897) (9) 252 38 290
Gerealiseerde en niet-gerealiseerde
resultaten van de periode
Winst (verlies) over het boekjaar - - (53) - - - - - (53) 5 (48)
Niet-gerealiseerde resultaten
na winstbelastingen
37.9 - - - - (1) 10 (131) 7 (114) - (114)
Totaal van gerealiseerde en
niet-gerealiseerde resultaten
over het boekjaar
- - (53) - (1) 10 (131) 7 (168) 5 (162)
Transacties met aandeelhouders, rechtstreeks verwerkt in het eigen vermogen
Dividenden 37.7 - - - - - - - - - - -
Transfer van activiteiten naar
minderheidsbelangen zonder
verlies van zeggenschap
37.8 - - 2 - - - - (3) (1) 1 -
Oprichting van dochteronderneming
met minderheidsparticipatie
37.8 - - - - - - - - - 2 2
Totaal van transacties met
aandeelhouders, rechtstreeks
verwerkt in het eigen vermogen
- - 2 - - - - (3) (1) 3 2
Balans op 31 december 2019 187 210 803 (82) 1 (3) (1.028) (5) 83 47 130

Agfa-Gevaert Groep - Geconsolideerd kasstroomoverzicht

De toelichtingen op bladzijden 106 tot 211 maken integraal deel uit van deze geconsolideerde jaarrekening.

MILJOEN EURO Toelichting 2018 2019
Winst (verlies) over het boekjaar (15) (48)
Winstbelastingen 17 34 28
Aandeel van de Groep in het nettoresultaat van geassocieerde deelnemingen,
na winstbelastingen
1 1
Nettofinancieringslasten 10 39 38
Bedrijfsresultaat 59 19
Afschrijvingen (exclusief afschrijvingen op recht-op-gebruik activa) 27/28 54 56
Afschrijvingen op recht-op-gebruik activa - 38
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill 1 35
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op immateriële activa - 11
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op materiële vaste activa 5 27
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op recht-op-gebruik activa (1) - 4
Vrijval van resultaten uit de afdekkingsreserve (4) 3
Overheids- en andere subsidies (14) (9)
Winst/verlies uit de verkoop van immateriële activa en materiële vaste activa (2) -
Resultaat uit de verkoop van beëindigde activiteiten - (6)
Kosten voor verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding
en ontslagvergoedingen
38 36
Opbouw van personeelsverplichtingen 93 91
Afwaarderingen / terugname op voorraden 23 14
Waardeverminderingsverliezen / terugname op vorderingen 5 4
Opbouw/terugname van voorzieningen 30 24
Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van derivaten (2) 1
Overige niet-kaskosten 168 159
Wijziging in de voorraden (57) 50
Wijziging in de handelsvorderingen (8) 4
Wijziging in de contractuele activa verbonden aan contracten met klanten 4 7
Wijziging in de werkkapitaalactiva (61) 62
Wijziging in de handelsschulden (4) 19
Wijziging in de contractuele verplichtingen verbonden aan
contracten met klanten
25 (13)
Wijziging in de werkkapitaalverplichtingen 21 6
Wijziging in het werkkapitaal (40) 68
Uitgaande kasstroom voor personeelsbeloningen (209) (226)
Uitgaande kasstroom voor voorzieningen (25) (36)
Veranderingen in de leaseportfolio (11) (9)
Veranderingen in ander werkkapitaal (29) 18
Ontvangen kasstromen uit derivaten ter indekking van operationele activiteiten 13 (16)
Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten (14) 147
Betaalde belastingen (30) (24)

(1) Gedeeltelijk gecompenseerd door een tegendraaiing van een voorziening voor verlieslatende huurgelden ten bedrage van 3 miljoen euro.

Agfa-Gevaert Groep - Geconsolideerd kasstroomoverzicht

De toelichtingen op bladzijden 106 tot 211 maken integraal deel uit van deze geconsolideerde jaarrekening.

MILJOEN EURO Toelichting 2018 2019
Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten (44) 123
Investeringsuitgaven (40) (38)
Ontvangsten uit de verkoop van immateriële activa en materiële vaste activa 27/28 5 7
Ontvangsten uit de verkoop van activa aangehouden voor verkoop - -
Overnames na aftrek verworven geldmiddelen 19 (25) (16)
Ontvangsten uit de verkoop van beëindigde activiteiten, na winstbelastingen (2) 20 - 16
Ontvangsten uit de verkoop van andere investeringen - 1
Ontvangen rente 3 3
Ontvangen dividenden - -
Nettokasstromen uit investeringsactiviteiten (57) (28)
Betaalde rente (15) (15)
Betaalde dividenden aan minderheidsbelangen (3) -
Ontvangsten van leningen 38.5 227 127
Terugbetalingen van leningen 38.5 (34) (201)
Betalingen van leaseschulden 38.5 (1) (42)
Ontvangsten uit/betalingen van derivaten (1) 3
Andere financieringsinkomsten/kosten (2) (3)
Overige financieringskasstromen 2 -
Nettokasstromen uit financieringsactiviteiten 175 (131)
Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten 74 (36)
Geldmiddelen en kasequivalenten bij het begin van het jaar 67 136
Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten 74 (36)
Impact van valutakoersverschillen (5) (1)
Geldmiddelen en kasequivalenten per einde boekjaar (3) 34 136 99

(2) De Groep heeft ervoor geopteerd om een kasstroomoverzicht te presenteren dat alle kasstromen omvat, inclusief kasstromen uit beëindigde activiteiten.

(3) Negatieve banksaldi zijn gepresenteerd in aftrek van kasmiddelen en voorheen inbegrepen in ontvangsten en terugbetalingen van leningen

(31 december 2019: 8 miljoen euro/ 31 december 2018: 5 miljoen euro).

VOORSTELLINGSBASIS

1. VERSLAGGEVENDE ENTITEIT WAAROVER WORDT GERAPPORTEERD

Agfa-Gevaert NV ('de Onderneming') is een onderneming die in België gevestigd is. Het adres van de statutaire zetel van de Onderneming is Septestraat 27, 2640 Mortsel.

De geconsolideerde jaarrekening van de Groep over 2019 omvat de Onderneming en 106 geconsolideerde dochterondernemingen (2018: 108 geconsolideerde dochterondernemingen) waarover de Onderneming zeggenschap uitoefent. Investeringen in dochterondernemingen en investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode worden opgesomd in toelichting 42-43.

Minderheidsbelangen houden een materieel belang aan in acht dochterondernemingen gelegen in Groot-China en de ASEAN-regio. De financiële gegevens van minderheidsbelangen worden toegelicht in toelichting 37.8. In Europa zijn er een paar dochterondernemingen waarin minderheidsbelangen een aandeel aanhouden dat van ondergeschikt belang is voor de Groep.

2. CONFORMITEITSVERKLARING

De geconsolideerde jaarrekening werd opgemaakt in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) van de International Accounting Standards Board (IASB) zoals aangenomen door de Europese Unie op 31 december 2019.

De Groep heeft geen IFRS standaarden vervroegd toegepast welke nog niet van toepassing waren in 2019. Verdere informatie wordt verstrekt in toelichting 51 'Nieuwe standaarden en interpretaties van standaarden gepubliceerd, nog niet van kracht per einde boekjaar'. De geconsolideerde staten werden goedgekeurd voor publicatie door de Raad van Bestuur op 24 maart 2020.

3. FUNCTIONELE VALUTA EN PRESENTATIEVALUTA

De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro, wat de functionele munt is van de Onderneming. Alle financiële informatie is weergegeven in miljoen euro, afgerond naar het dichtstbijzijnde miljoen, tenzij anders aangeduid. Door het gebruik van afrondingen is het mogelijk dat de som van individuele lijnen in een tabel niet overeenkomt met het totaal van die lijnen, daar de totalen zelf afgerond worden naar het dichtstbijzijnde miljoen.

4. SCHATTINGEN EN OORDELEN VAN HET MANAGEMENT

Bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening in overeenstemming met IFRS heeft het management inschattingen en veronderstellingen gemaakt die een belangrijke impact hebben op de toepassing van de waarderingsregels van de Groep en de gerapporteerde waarden van activa, verplichtingen, inkomsten en kosten.

Aanpassingen aan boekhoudkundige inschattingen worden prospectief toegepast. Boekhoudkundige inschattingen en onderliggende veronderstellingen worden op continue basis herzien en kunnen afwijken van de actuele waarden.

De onderwerpen waarbij een hoge mate van oordeelsvorming is vereist of waarbij het gebruik van schattingen en veronderstellingen belangrijk is voor de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening worden hierna weergegeven met verwijzing naar de betreffende toelichting waar meer informatie wordt verstrekt.

Onderwerpen die een hoge mate van oordeelsvorming,
schattingen en veronderstellingen vereisen
Toelichtingen
De netto contante waarde van geschatte toekomstige kasstromen die
wordt gebruikt bij het toetsen op bijzondere waardeverminderingen
Toelichting 27 'Immateriële activa en goodwill'
De gebruiksduur van immateriële activa met een beperkte gebruiksduur Toelichting 27 'Immateriële activa en goodwill'
Het beoordelen van de geschiktheid van de verplichtingen voor lopende
of verwachte onderzoeken naar de belastingverplichtingen over
voorgaande jaren
Toelichting 17 'Winstbelastingen'
Het bepalen van de recupereerbaarheid van
uitgestelde belastingvorderingen
Toelichting 17 'Winstbelastingen'
De actuariële veronderstellingen die gebruikt worden voor
de waardering van toegezegdpensioenregelingen
Toelichting 13 'Personeelsbeloningen'
Erkenning van de opbrengsten van overeenkomsten waarin
meerdere goederen en/of diensten samen worden aangeboden
aan de koper ('multiple-element arrangements')
Toelichting 8 'Opbrengsten'
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op financiële activa
op basis van verwachte kredietverliezen
Toelichting 22.2 'Verwachte kredietverliezen'

5. VERANDERINGEN IN GRONDSLAGEN VOOR FINANCIËLE VERSLAGGEVING

'International Financial Reporting Standards' voor de eerste maal toegepast in 2019

De geconsolideerde staten van de Groep zoals toegelicht in dit jaarverslag zijn inclusief de impact van IFRS 16, van kracht vanaf 1 januari 2019. Een aantal andere standaarden en interpretaties van standaarden zijn eveneens van toepassing vanaf 1 januari 2019 maar hebben geen materieel effect op de geconsolideerde staten van de Groep

  • Aanpassingen aan IFRS 9 Aflossingskenmerken met ongunstige compensatie en aanpassingen aan financiële schulden
  • Aanpassingen aan IAS 28 Langetermijninvesteringen in geassocieerde deelnemingen en joint ventures
  • Aanpassingen aan IAS 19 Planwijzigingen, inperkingen of afwikkelingen
  • Aanpassingen aan IFRS 3, IFRS 11, IAS 12 en IAS 23 Jaarlijkse verbeteringen aan IFRS-standaarden 2015-2017 cyclus
  • IFRIC Interpretatie 23 Onzekerheid omtrent inkomstenbelastingen waarvan de impact hieronder wordt toegelicht.

5.1 IFRS 16 LEASEOVEREENKOMSTEN

IFRS 16 Leaseovereenkomsten – gepubliceerd op 13 januari 2016 – maakt een verschil tussen dienstverleningscontracten en leaseovereenkomsten op basis van de aanwezigheid van zeggenschap door de klant over het gehuurde actief en introduceert hierbij een nieuwe boekhoudkundige verwerking waarbij alle leaseovereenkomsten op de balans van de leasingnemer zullen komen. Bij aanvang van de leaseperiode neemt de leasingnemer een recht-op-gebruik actief en een leaseverplichting op. De nieuwe standaard voorziet optionele vrijstellingen in het geval van leaseovereenkomsten met een leaseperiode van 12 maanden of minder en voor leaseovereenkomsten waarvoor het onderliggend actief een beperkte waarde heeft. Voor leasinggevers (verhuurders) blijft de benadering van IFRS 16 grotendeels ongewijzigd in vergelijking met de huidige standaard IAS 17. Dit betekent voornamelijk dat leasinggevers leaseovereenkomsten nog steeds moeten classificeren als operationele of financiële leaseovereenkomsten op basis van hun aard. Voor de leasinggevers zijn er slechts beperkte wijzigingen ten opzichte van de huidige boekhoudkundige verwerking onder IAS 17 Leaseovereenkomsten.

De standaard vervangt IAS 17 Leaseovereenkomst, IFRIC 4 Vaststelling of een overeenkomst een leaseovereenkomst bevat, SIC 15 Operationele leases – incentives en SIC 27 Evaluatie van de economische realiteit van transacties in de juridische vorm van een leaseovereenkomst. De standaard is van toepassing voor boekjaren die starten op of na 1 januari 2019.

Het management van de Groep heeft beslist om de 'Modified retrospective transition approach' toe te passen, waarbij vergelijkende cijfers met betrekking tot voorgaande jaren niet worden herwerkt.

Volgende opties werden toegepast:

  • Voor leaseovereenkomsten die voorheen onder toepassing van IAS 17 als operationele lease worden geclassificeerd, werden de op 1 januari 2019 toekomstige verschuldigde leasebetalingen verdisconteerd aan de marginale interestvoet voor ontlening door de leasingnemer.
  • Het bedrag van het recht-op-gebruik actief is gelijk aan het bedrag van de leaseverplichting, met enkele aanpassingen (zoals vooruitbetaalde of toegerekende uitgaven onmiddellijk erkend voor de datum van eerste toepassing).
  • De Groep heeft geen initiële directe kosten erkend als deel van het recht-op-gebruik actief op 1 januari 2019.
  • Bij overgang naar de nieuwe standaard IFRS 16 kan de onderneming ervoor kiezen om ofwel de nieuwe leasedefinitie toe te passen op bestaande leaseovereenkomsten ofwel om de beoordeling van de bestaande contracten als leasecontracten naast zich neer te leggen en de standaard enkel toe te passen op contracten die zijn aangegaan of veranderd na de transitiedatum. De Groep heeft ervoor gekozen om de nieuwe leasedefinitie toe te passen op alle contracten, zowel bestaande contracten op transitiedatum als op nieuwe contracten afgesloten na transitiedatum.
  • De Groep heeft geen leaseovereenkomsten met een resterende looptijd op 1 januari 2019 van minder dan twaalf maanden niet geherevalueerd.

De toepassing van IFRS 16 heeft de vaste activa doen toenemen door de erkenning van recht-op-gebruik activa. Rentedragende verplichtingen zijn voor quasi hetzelfde bedrag verhoogd. In de geconsolideerde winst- en verliesrekening werd de afschrijvingslast van het recht-op-gebruik actief en de interestkost op de leaseverplichting erkend in plaats van de kosten voor operationele leaseovereenkomsten. In het geconsolideerd kasstroomoverzicht heeft IFRS 16 geresulteerd in een verbetering van de kasstromen uit bedrijfsactiviteiten door vermindering van de uitgaande kasstromen voor bedrijfsactiviteiten, terwijl de terugbetaling van de leaseverplichtingen en de interestkost opgenomen werden in de 'Nettokasstromen uit financieringsactiviteiten'.

5.1.1 Boekhoudkundige verwerking (eerste toepassing en verdere toepassing) van leaseovereenkomsten afgesloten als leasingnemer, in overeenkomst met de nieuwe IFRS 16 standaard

Bij aanvang of aanpassing van een contract dat een leasecomponent bevat, zal de Groep de totale prijs zoals gestipuleerd in het contract toewijzen naar elke leasecomponent op basis van de individuele prijs van de afzonderlijke componenten wanneer deze apart verkocht worden. De Groep heeft ervoor geopteerd om de niet-leasecomponenten niet af te zonderen en zal zowel de leasecomponenten als de niet-leasecomponenten behandelen als éénzelfde leaseovereenkomst.

Op de aanvangsdatum van de lease erkent de Groep een met een gebruiksrecht overeenstemmend actief en een leaseverplichting. Het gebruiksrecht wordt initieel bij eerste opname geboekt aan kostprijs, die bestaat uit het bedrag van eerste waardering van de leaseverplichting, alle op of voor de aanvangsdatum verrichte leasebetalingen, vermeerderd met alle door de leasingnemer gemaakte initiële directe kosten en een schatting van de door de leasingnemer te maken kosten voor ontmanteling en verwijdering van het onderliggend actief en van het herstel van het terrein waar het zich bevindt, verminderd met alle ontvangen lease-incentives.

Het gebruiksrecht wordt na eerste opname lineair afgeschreven vanaf aanvangsdatum tot einde looptijd van het contract. Indien de leaseovereenkomst de eigendom van het onderliggende actief aan het einde van de leaseperiode aan de leasingnemer overdraagt of indien de kosten van het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief weerspiegelen dat de leasingnemer een aankoopoptie zal uitoefenen, moet de leasingnemer het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief afschrijven vanaf de aanvangsdatum tot aan het einde van de gebruiksduur van het onderliggende actief. Anders moet de leasingnemer het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief afschrijven vanaf de aanvangsdatum tot het vroegste van de volgende twee momenten: het einde van de gebruiksduur van het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief of het einde van de leaseperiode. Het gebruiksrecht dient periodiek verminderd te worden met eventuele bijzondere waardeverminderingsverliezen, en aangepast worden voor bepaalde herwaarderingen van de leaseverplichting. Op de aanvangsdatum moet een leasingnemer de leaseverplichting waarderen tegen de contante waarde van de leasebetalingen die op die datum niet zijn verricht. De leasebetalingen moeten worden gedisconteerd op basis van de impliciete rentevoet van de leaseovereenkomst, mits die op eenvoudige wijze kan worden bepaald. Indien die rentevoet niet op eenvoudige wijze kan worden bepaald, moet de leasingnemer de marginale rentevoet van de Groep gebruiken. De Groep gebruikt in het algemeen haar marginale rentevoet als verdisconteringsvoet. De verdisconteringsvoet wordt tweemaal per jaar berekend als het rendement op een overheidsobligatie per land met vergelijkbare resterende looptijd (bron: Reuters), verhoogd met een risicopremie die het risicoprofiel van de Groep weergeeft. Deze risicopremie verschilt van het landenrisico volgens de OESO. Afhankelijk van een laag, medium of hoog landenrisico wordt een verschillende risicocomponent toegevoegd. Op deze manier wordt er een matrix van marginale rentevoeten samengesteld met zes verschillende looptijdcategorieën en 50 landen.

De leasebetalingen vervat in de waardering van de leaseverplichting omvatten:

  • vaste betalingen, met inbegrip van in wezen vaste betaalde leaseverplichtingen;
  • variabele leasebetalingen die van een index of rentevoet afhankelijk zijn en die bij eerste opname op basis van de index of rentevoet op de aanvangsdatum worden opgenomen;
  • de uitoefenprijs van een aankoopoptie indien het redelijk zeker is dat de leasingnemer deze optie zal uitoefenen; en betalingen van boetes voor het beëindigen van de leaseovereenkomst, indien de leaseperiode de uitoefening door de leasingnemer van een optie tot beëindiging van de leaseovereenkomst weerspiegelt behalve indien de Groep redelijk zeker is dat de lease niet vervroegd zal beëindigd worden.

Er zijn geen leasecontracten waarvoor de Groep verwacht om een residuele waarde verplichting dient te betalen.

De leaseverplichting wordt gewaardeerd tegen de contante waarde op basis van de effectieve intrestmethode. De leaseverplichting dient geherwaardeerd te worden bij veranderingen in de leasebetalingen ten gevolge van wijzigingen in een index of rentevoet, indien er een aanpassing is van de beoordeling of een aankoopoptie al dan niet zal uitgeoefend worden, een verlenging zal doorgevoerd worden van de leasetermijn of een vervroegde beëindiging, of indien er een wijziging is van de in wezen vaste betaalde leaseverplichtingen. Het bedrag van de herwaardering van de leaseverplichting wordt opgenomen als een aanpassing van het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief. Indien de boekwaarde van het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief echter tot nul is afgeboekt en er van een verdere vermindering van de waardering van de leaseverplichting sprake is, moet een leasingnemer elk resterend bedrag van de herwaardering in winst of verlies opnemen.

De Groep heeft ervoor geopteerd om geen gebruiksrecht en geen leaseverplichtingen te erkennen voor leaseovereenkomsten met een lage waarde (voornamelijk IT-materiaal) en leasecontracten met een korte looptijd van minder dan 12 maanden. De Groep erkent de leasebetalingen voor deze contracten in de winst- en verliesrekening evenredig gespreid over de leasetermijn.

In de geconsolideerde balans worden de gebruiksrechten apart voorgesteld en zitten de leaseverplichtingen vervat in rentedragende verplichtingen. De leasebetalingen die vervallen binnen de 12 maanden na balansdatum worden voorgesteld als kortlopende verplichtingen, deze die vervallen meer dan 12 maanden na balansdatum worden voorgesteld als langlopende verplichtingen.

5.1.2 Impact van de toepassing van IFRS 16 op de kerncijfers

In de geconsolideerde balans op 1 januari 2019, zijn de totale activa en totale verplichtingen gestegen met 104 miljoen euro, als gevolg van de erkenning van de recht-op-gebruik activa en bijhorende leaseverplichtingen, die de reële waarde omvatten van de toekomstige minimale leasebetalingen voor de leaseovereenkomsten die bestonden op 1 januari 2019. Het bedrag van de leaseverplichtingen op 1 januari 2019 is 44 miljoen euro lager dan het bedrag van de minimale toekomstige leasebetalingen onder de voormalige operationele leaseverplichtingen zoals gestipuleerd door de vorige standaard IAS 17. De elementen die dit verschil verklaren, zijn de volgende:

  • het verschil in omvang van leasecontracten (leasecontracten met een lage waarde en een beperkte looptijd, en leaseovereenkomsten die niet het recht overdragen om het gebruik van het activa te bepalen zijn nu uitgesloten),
  • ·verschillen in het bedrag van de toekomstige minimale leasebetalingen (niet-leasecomponenten zoals beveiliging en onderhoud zijn opgenomen, niet-recupereerbare BTW, andere belastingen en verzekeringen werden uitgesloten),
  • verschil in de lengte van de leasetermijn (opties die hoogst waarschijnlijk zullen uitgevoerd worden werden mee opgenomen, zoals opties ter verlenging van de leasetermijn, opties voor vervroegde stopzetting van het contract en aankoopopties),
  • de impact van de actuele waardebepaling onder IFRS 16 die op 15 miljoen euro wordt ingeschat. De gewogen gemiddelde ontleningsvoet van de leasingnemer toegepast op de leaseverplichting bij eerste toepassing bedraagt 3,4%.

In de geconsolideerde winst- en verliesrekening voor 2019 heeft de toepassing van IFRS 16 een stijging van de aangepaste EBITDA met 40 miljoen euro tot gevolg gehad. De toepassing van IFRS 16 op het nettoresultaat, dat verwacht was neutraal te zijn over de periode, heeft in het jaar van eerste toepassing van IFRS 16 een negatieve impact gehad van 1 miljoen euro. Dit wordt verklaard door het feit dat de intrestlasten op de leaseverplichtingen bij het begin van de lease en bij de eerste toepassing van IFRS 16, hoger zijn en gradueel afnemen over de jaren.

5.2 AANPASSINGEN AAN IAS 19: PLANWIJZIGINGEN, INPERKINGEN OF AFWIKKELINGEN

In februari 2018 publiceerde de IASB een aanpassing aan IAS 19 Personeelsbeloningen, van toepassing op jaarperioden die aanvangen op 1 januari 2019. Deze aanpassing vereist dat een entiteit geactualiseerde veronderstellingen gebruikt voor de bepaling van de pensioenkost en de interestkost voor de rest van de periode na een planwijziging, inperking of afwikkeling zonder rekening te houden met het effect van het actiefplafond. De gebruikte actuariële veronderstellingen dienen in lijn te zijn met deze gebruikt voor de berekening van de planwijziging, inperking of afwikkeling. De wijziging verduidelijkt verder dat de entiteit eerst de pensioenkosten van verstreken diensttijd of de winst of verlies bij afwikkeling bepaalt zonder rekening te houden met het actiefplafond.

De Groep heeft deze aanpassing toegepast op planwijzigingen, inperkingen en afwikkelingen vanaf 1 januari 2019.

Zoals toegelicht in toelichting 13.2 Personeelsbeloningen werd er een lijfrenteplaatsing doorgevoerd in de Verenigde Staten voor gepensioneerden van het 'Agfa Corporation Pension Plan' met maandelijkse voordelen lager dan 1.800 USD. Dit heeft geleid tot een afwikkeling waarbij een herwaardering van de verplichtingen en activa van het plan noodzakelijk was op 30 juni 2019. De pensioenschuld met betrekking tot deze gepensioneerden bedroeg 130,9 miljoen US dollar en de lijfrenteaankoopprijs bedroeg 130 miljoen US dollar wat heeft geleid tot een winst uit de afwikkeling ten belope van 0,9 miljoen US dollar.

Als gevolg van de hierboven vermelde herwaardering, werd de periodische pensioenkost voor de tweede jaarhelft herberekend op basis van de verplichtingen en activa van het plan op 30 juni aan een disconteringsvoet van 3,55%. Door deze lijfrenteplaatsing was er een significante daling van de activa en verplichtingen van het plan, wat ertoe geleid heeft dat zowel de interestkost van de 'DBO' als de interestinkomsten van de planactiva voor 2019 gedaald zijn in vergelijking met de ingeschatte interestinkomsten en -kosten gemaakt op het einde van het vorige jaar. De daling van de netto-interestkosten bedroeg 0,8 miljoen US dollar. Dit bedrag bevat eveneens de impact van de aanpassing aan deze standaard op de geconsolideerde winst- en verliesrekening.

5.3 IFRIC INTERPRETATIE 23 ONZEKERHEID OMTRENT INKOMSTENBELASTINGEN

In juni 2017 publiceerde de IASB een nieuwe IFRIC Interpretatie IFRC 23 Onzekerheid omtrent inkomstenbelastingen van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2019. Deze interpretatie werd bekrachtigd voor toepassing binnen de Europese Unie in oktober 2018. De Groep zal IFRIC 23 toepassen bij eerste toepassing.

De interpretatie verduidelijkt hoe inkomstenbelastingen geboekt dienen te worden ingeval er onzekerheid bestaat of de belastingdiensten al dan niet de belastingaangifte van de onderneming zullen aanvaarden. Voorbeelden van onzekerheid kunnen hun oorsprong vinden in aftrekbaarheid van bepaalde kosten voor belastingdoeleinden, van belasting vrijgestelde inkomsten en transfer prijs overeenkomsten die inkomsten toewijzen aan bepaalde jurisdicties. De huidige IAS omtrent Inkomstenbelastingen behandelt niet hoe men deze onzekerheden boekhoudkundig dient te behandelen. De onderneming zal volgens de interpretatie IFRIC 23 dienen te evalueren of het waarschijnlijk is dat de belastingdiensten akkoord zullen gaan met de principes gehanteerd in de aangifte. Indien de onderneming oordeelt dat dit mogelijks niet het geval zal zijn, dient de onderneming rekening te houden met het meest waarschijnlijke bedrag of verwachte waarde van de aanslag bij het bepalen van het belastbaar resultaat, de belastingbasis, ongebruikte belastingverliezen, ongebruikte belastingkredieten en belastingvoeten.

De nieuwe interpretatie heeft geen impact gehad op de geconsolideerde jaarrekening van 2019.

JAARPRESTATIES VAN DE ONDERNEMING

6. TE RAPPORTEREN SEGMENTEN

De Groep heeft de samenstelling van de te rapporteren segmenten aangepast.

In 2019 werden de activiteiten van de Groep gehergroepeerd in vier divisies: Offset Solutions (de offsetactiviteiten van de voormalige businessgroep Agfa Graphics), Digital Print & Chemicals (de inkjetactiviteiten van de voormalige businessgroep Agfa Graphics en de activiteiten van de voormalige businessgroep Specialty Products), Radiology Solutions (de beeldvormingsactiviteiten van de voormalige businessgroep Agfa HealthCare) en HealthCare IT (de IT-activiteiten van de voormalige businessgroep Agfa HealthCare). De vereenvoudigde divisiestructuur is gebaseerd op technologie en op oplossingen en zal de business in staat stellen om in de toekomst partnerships te zoeken.

Het management van de Groep heeft de bovenvermelde vier divisies geïdentificeerd als haar operationele segmenten, dewelke overeenkomen met de te rapporteren segmenten. Alle operationele segmenten hebben stevige marktposities, goed gedefinieerde strategieën, en dragen volledige verantwoordelijkheid, autoriteit en leggen volledige verantwoording af.

Om een accuratere beoordeling van de businessprestaties mogelijk te maken werden bepaalde kosten van corporate functies op Groepsniveau (vb. Investor Relations, Corporate Finance, Interne Audit, Innovation Office, …) niet langer toegewezen aan de businessdivisies. Deze kosten worden nu apart getoond onder 'Corporate Services'.

Om een accurate vergelijking met de cijfers van 2018 mogelijk te maken werd een aanpassing van de cijfers van 2018 doorgevoerd wat betreft de divisionele structuur en ook wat betreft de behandeling van de kosten van de corporate functies.

De operationele segmenten van de Groep reflecteren het niveau waarop de CEO van de Groep en het Executive Committee de activiteiten beoordelen en beslissingen nemen over de toewijzing van middelen en andere operationele zaken. De te rapporteren segmenten bevatten de volgende activiteiten:

Offset Solutions

Offset Solutions is een wereldwijd toonaangevende speler in de markt van de drukvoorbereidingssystemen en biedt aan commerciële drukkers, krantendrukkers en verpakkingsdrukkers een uitgebreid gamma geïntegreerde drukvoorbereidingssystemen aan: van complete computer-to-plate oplossingen die gebruik maken van digitale offsetdrukplaten, tot pressroom-benodigheden en het nieuwste van het nieuwste in software voor workflow-automatisering, voor kleurenmanagement, screening en drukstandaardisering. Agfa biedt duurzame innovaties aan in de drukvoorbereiding die waarde bijbrengen aan de drukkerijen op het vlak van ecologie, economie, en extra gemak – of ECO³.

Digital Print & Chemicals

Agfa's Digital Print & Chemicals biedt een brede waaier aan van producten in diverse industrieën. Bouwend op Agfa's expertise in chemicaliën en haar diepgewortelde kennis in de industrie van de grafische beeldvorming, heeft de divisie een leidende positie in de inkjetdruksystemen. Verder levert de divisie een breed gamma digitale drukoplossingen aan sign & display-drukkers waaronder een gamma van zeer productieve en veelzijdige grootformaatprinters en bijhorende inkten aangedreven door specifieke werkvoorbereidingssoftware. Daar bovenop ontwikkelt en produceert Digital Print & Chemicals ook kwaliteitsvolle inkjetinkten en vloeistoffen voor verscheidene industriële inkjettoepassingen. Hiermee geven ze industriële bedrijven de mogelijkheid om drukwerk in hun productieprocessen te integreren. Het biedt tevens specifieke inkjetinkten aan hoogtechnologische industrieën zoals de industrie van de gedrukte elektronica aan. De divisie levert tevens membranen aan de waterstofproductie-industrie en een variëteit van bedrukbaar kunststofpapier. Het productassortiment wordt vervolledigd door het aanbod van micrografische film, film voor het uitvoeren van niet-destructieve testen, luchtfotografie en film voor de productie van gedrukte schakelingen.

Radiology Solutions

Agfa's divisie van Radiology Solutions is een belangrijke speler op de markt van de diagnostische medische beeldvorming. Ze biedt zowel analoge als digitale beeldvormingstechnologieën aan om tegemoet te komen aan de noden van gespecialiseerd medisch personeel in hospitalen en centra voor medische beeldvorming over de hele wereld. De innovatieve medische beeldvormingsapparatuur van Agfa en haar toonaangevende software voor verwerking van medische beeldvorming, MUSICA, zetten de standaarden wat betreft productiviteit, veiligheid, klinische waarden en kostenefficiëntie. Met meer dan 150 jaar ervaring helpt Agfa haar klanten om de kwaliteit en de efficiëntie van de patiëntenbehandeling te verbeteren. Elke dag bewijst Agfa dat medische beeldvorming in haar DNA zit.

HealthCare IT

De Agfa divisie HealthCare IT ondersteunt zorgverleners en assisteert gezondheidsprofessionals over de verschillende departementen, sites en netwerken van een ziekenhuis om kwaliteitsvolle zorg te verzekeren en intelligente beslissingen te kunnen nemen voor de gemeenschap en de bevolking. Deze divisie levert IT-oplossingen voor medische beeldvorming aan ziekenhuizen en andere zorginstellingen. Het betreft oplossingen die al het medisch beeldvormingsmateriaal beheren en de gerelateerde gegevens, zijnde uitgebreide entiteitsoverkoepelende Healthcare Information Solutions en geïntegreerde zorgoplossingen. Deze intelligente oplossingen vullen elkaar aan om betrouwbare en bewezen IT-ecosystemen te creëren die elk aspect van het zorgsysteem beroeren. Een pionier in healthcare IT sinds 1990, Agfa HealthCare IT is een toonaangevende IT-onderneming in de zorg die duidelijk haar voetafdruk heeft nagelaten.

6.1 PRINCIPES TOEGEPAST BIJ HET DEFINIËREN VAN DE SEGMENTRESULTATEN, SEGMENTACTIVA EN -VERPLICHTINGEN

De Groep heeft hiervoor vermelde divisies aangeduid als haar operationele segmenten. De operationele segmenten zijn dezelfde als de te rapporteren segmenten. Er zijn geen transacties tussen de operationele segmenten.

Het resultaat van de te rapporteren segmenten, activa en verplichtingen worden toegewezen aan de te rapporteren segmenten op basis van de volgende principes:

  • Direct toewijsbaar aan een te rapporteren segment daar waar mogelijk; en anders
  • Toegewezen aan een te rapporteren segment op een redelijke basis, bij voorkeur activiteit gebaseerd of inspanningsgerelateerd.

Om een meer accurate beoordeling van de prestatie van een segment te bekomen, worden sommige kosten van de overkoepelende diensten zoals Investor Relations, Corporate Finance, Interne Audit, Innovation Office, niet meer toegewezen aan een te rapporteren segment. Deze kosten worden apart gepresenteerd onder 'Corporate Services'. Eveneens worden de kosten en verplichtingen van de inactieve werknemers (zie onder) en de gesloten plannen van toegezegdpensioenregelingen niet toegewezen aan een te rapporteren segment aangezien deze niet op een redelijke wijze kunnen toegewezen worden.

Deze niet toegewezen gegevens worden opgenomen in de elementen die een afstemming maken tussen de informatie van de te rapporteren segmenten en de geconsolideerde winst- en verliesrekening, het totaal van activa en verplichtingen. Deze afstemming wordt getoond in toelichting 6.3.

Inactieve werknemers worden gedefinieerd als gepensioneerden, vroegere werknemers die rechten hebben opgebouwd en andere inactieve werknemers zoals bruggepensioneerden waarvan redelijkerwijs kan worden aangenomen dat zij niet zullen terugkeren tot een actieve status. Werknemers die in principe slechts tijdelijk inactief zijn zoals ten gevolge van langdurige invaliditeit of ziekte, zwangerschapsverlof, legerdienst en dergelijke, worden als actieve werknemers behandeld en bijgevolg toegewezen aan een van de te rapporteren segmenten.

Activa en verplichtingen toegewezen aan een te rapporteren segment bevatten geen vorderingen en verplichtingen met betrekking tot winstbelastingen en uitgestelde belastingen (zie reconciliatie in toelichting 6.3). Om een vergelijking met vorig jaar mogelijk te maken werden de gegevens van de te rapporteren segmenten herwerkt om de nieuwe divisionele structuur weer te geven (zie toelichting 6.3).

6.2 KERNGEGEVENS PER BEDRIJFSSEGMENT

De kerngegevens van de te rapporteren segmenten werden als volgt berekend:

  • aangepaste EBIT is het resultaat uit bedrijfsactiviteiten voor reorganisatiekosten (2019: 27 miljoen euro) en voor niet-recurrente resultaten (2019: 79 miljoen euro). De niet-recurrente resultaten bevatten geboekte bijzondere waardeverminderingsverliezen, kosten met betrekking tot strategische transformatieprojecten, de winsten verbonden aan de aanpassing van het pensioenplan in de Verenigde Staten ten gevolge van een lijfrenteaflossing, een geboekte kost voor een milieuvoorziening verbonden aan de sluiting van een fabriek in de Verenigde Staten en de winst op de afgestoten activiteiten.
  • % van de opbrengsten is de ratio van recurrente EBIT op de opbrengsten;
  • aangepaste EBITDA = aangepaste EBIT vóór afschrijvingen;
  • segmentresultaat is de winst uit bedrijfsactiviteiten;

die voortvloeien uit een te rapporteren segment;

  • de activa van een segment zijn de bedrijfsactiva die door een te rapporteren segment aangewend worden bij zijn bedrijfsactiviteiten;
  • de verplichtingen van een segment zijn de verplichtingen die voortvloeien uit de bedrijfsactiviteiten van een te rapporteren segment; • de nettokasstromen uit de te rapporteren segmenten vertegenwoordigen het verschil tussen de kasontvangsten en de kasuitgaven
  • de financieringskasstromen, de ontvangen rente en kasstromen uit overige investeringsactiviteiten zijn niet toegewezen aan een te rapporteren segment;
  • de investeringsuitgaven van het te rapporteren segment omvatten de kostprijs van de verworven activa met een verwachte gebruiksduur van meer dan één jaar;
  • andere niet-kaskosten (-opbrengsten) omvatten bijzondere waardeverminderingsverliezen en terugname van bijzondere waardeverminderingsverliezen op vorderingen en voorraden, kosten en opbrengsten uit verstreken diensttijd, winsten en verliezen uit beëindiging van verplichtingen, toegekende subsidies en terugnemingen van voorzieningen exclusief provisies voor inkomstenbelastingen, voor zover deze vervat zijn in de winst uit bedrijfsactiviteiten.
Te rapporteren segment Offset Solutions Radiology
Solutions
& Chemicals Digital Print HealthCare IT TOTAAL
MILJOEN EURO 2018 2019 2018 2019 2018 2019 2018 2019 2018 2019
Opbrengsten 850 843 514 536 393 383 490 505 2.247 2.267
Evolutie (0,8)% 4,2% (2,4)% 3,0% 0,9%
Aangepaste EBIT 20 (1) 60 72 25 21 34 50 139 142
% van de opbrengsten 2,4% (0,1)% 11,7% 13,4% 6,4% 5,5% 6,9% 9,9% 6,2% 6,3%
Afschrijvingen 21 18 13 16 6 7 14 15 54 56
Afschrijvingen recht-op
gebruik activa
11 8 4 14 38
Aangepaste EBITDA 41 28 73 97 31 33 49 79 193 236
Resultaat van het segment (20) (80) 52 64 21 18 21 41 74 43
Activa van het segment 546 511 479 445 262 230 745 792 2.031 1.978
Verplichtingen van
het segment
280 306 241 218 89 98 234 256 844 878
Nettokasstromen uit de te
rapporteren segmenten
(31) 21 (82) 90 2 47 94 63 (17) 221
Investeringsuitgaven 15 12 10 11 8 9 7 6 40 38
Bijzondere waarde
verminderingsverliezen
6 69 - - - 3 3 6 76
Andere niet-kaskosten
(-opbrengsten)
65 48 32 45 22 22 48 43 167 157
Kosten van onderzoek
en ontwikkeling
29 27 17 20 22 21 73 77 141 144
Gemiddeld aantal
personeelsleden
(in voltijdse equivalenten)(1)
3.394 3.254 2.439 2.355 1.085 1.068 3.100 2.925 10.018 9.602

(1) Cijfers omvatten vaste en tijdelijke contracten.

6.3 RECONCILIATIE VAN OPBRENGSTEN, AANGEPASTE EBIT, WINST- EN VERLIESREKENING, ACTIVA EN VERPLICHTINGEN, KASSTROMEN EN ANDERE MATERIËLE POSTEN

MILJOEN EURO 2018 2019
Opbrengsten
Opbrengsten van de te rapporteren segmenten 2.247 2.267
Eliminatie beëindigde activiteiten (56) (28)
Geconsolideerde opbrengsten 2.191 2.239
Aangepaste EBIT
Aangepaste EBIT van de te rapporteren segmenten 139 142
Aangepaste EBIT niet toegewezen aan de te rapporteren segmenten (1) (14) (17)
Eliminatie beëindigde activiteiten 3
Geconsolideerde aangepaste EBIT 128 126
Winst- en verliesrekening
Resultaat van het segment 74 43
Winst (verlies) uit bedrijfsactiviteiten niet toegewezen aan de te rapporteren segmenten (1) (15) (24)
Eliminatie beëindigde activiteiten 3 (5)
Winst uit bedrijfsactiviteiten 62 14
Overige niet-toewijsbare bedragen:
Financieringsbaten (-kosten) - netto (8) (8)
Overige financiële opbrengsten (kosten) - netto (31) (30)
Aandeel van de Groep in het nettoresultaat van geassocieerde deelnemingen,
na winstbelastingen (1) (1)
Geconsolideerde winst (verlies) voor belastingen 22 (25)
Activa
Activa van de te rapporteren segmenten 2.031 1.978
Bedrijfsactiva niet-toegewezen aan de te rapporteren segmenten (1) -
Financiële activa 9
Uitgestelde belastingvorderingen 114 125
Derivaten 1
Geldmiddelen en kasequivalenten 141 107
Overige niet-toewijsbare activa 71 75
Geconsolideerde totale activa 2.367 2.294
Verplichtingen
Verplichtingen van de te rapporteren segmenten 844 878
Verplichtingen voortvloeiend uit bedrijfsactiviteiten, niet-toegewezen aan de
te rapporteren segmenten (1) 872 887
Rentedragende verplichtingen 285 326
Uitgestelde belastingverplichtingen 22 19
Derivaten 2
Overige niet-toewijsbare verplichtingen 51 50
Eigen vermogen 290 130
Geconsolideerde totale verplichtingen 2.367 2.294
Kasstromen
Nettokasstromen uit de te rapporteren segmenten (17) 221
Bedrijfskasstromen niet-toegewezen aan de te rapporteren segmenten (1) (85) (126)
Betaalde rente en dividend betaald aan minderheidsbelangen (17) (15)
Nettoterugbetalingen van leningen 193 (74)
Betalingen van leaseschulden (1) (42)
Ontvangsten/(betalingen) van derivativen
Overige
(1) 3
(3)

(1) Bedrijfsresultaten, activa en verplichtingen en kasstromen niet toegewezen aan de te rapporteren segmenten hebben voornamelijk betrekking op corporate functies 114 en op inactieve werknemers.

6.4 RECONCILIATIE VAN ANDERE MATERIËLE POSTEN VOOR 2018 EN 2019

Andere materiële posten 2018

De andere materiële posten, voorgesteld in de tabel bij toelichting 6.2, kunnen als volgt gereconcilieerd worden met de geconsolideerde cijfers:

MILJOEN EURO Toelichting TOTAAL VAN DE TE
RAPPORTEREN SEGMENTEN
Aanpassingen TOTAAL
Investeringsuitgaven - kasstromen 27/28 40 - 40
Afschrijvingen 27/28 54 - 54
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 27/28 6 - 6
Andere niet-kaskosten (opbrengsten) 167 1 168
Kosten van onderzoek en ontwikkeling 141 - 141

Andere materiële posten 2019

MILJOEN EURO Toelichting TOTAAL VAN DE TE
RAPPORTEREN SEGMENTEN
Aanpassingen TOTAAL
Investeringsuitgaven - kasstromen 27/28 38 - 38
Afschrijvingen 27/28 56 - 56
Afschrijvingen recht-op-gebruik activa 29 38 38
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 27/28/29 76 - 76
Andere niet-kaskosten (opbrengsten) 157 2 159
Kosten van onderzoek en ontwikkeling 144 3 147

6.5 GEOGRAFISCHE INFORMATIE VOOR 2018 EN 2019

De Groep maakt een onderscheid tussen vier geografische markten: Europa, NAFTA, Latijns-Amerika en Azië/Oceanië/Afrika. De Groep is gevestigd in België.

2018 2019
MILJOEN EURO Opbrengsten per markt (1) Opbrengsten per markt (1)
Europa 983 980
waarvan België 37 35
NAFTA 538 478
Latijns-Amerika 158 151
Azië/Oceanië/Afrika 568 659
TOTAAL 2.247 2.267
Eliminatie van stopgezette activiteiten (56) (28)
GECONSOLIDEERD TOTAAL 2.191 2.239
Alle buitenlandse landen
Duitsland 311 324
Frankrijk 128 123
Italië 73 75
Verenigd Koninkrijk 96 89
Verenigde Staten (waarvan 54 miljoen euro resp. 26 miljoen euro
betrekking heeft op beëindigde activiteiten)
431 373
Canada (waarvan 2 miljoen euro resp. 2 miljoen euro betrekking heeft
op beëindigde activiteiten)
32 35
Brazilië 84 80
India 58 59
China (2) 199 299
Japan 51 57
Overige landen 784 753
Eliminatie beëindigde activiteiten (56) (28)
GECONSOLIDEERDE OPBRENGSTEN 2.191 2.239

(1) Locatie van klanten

(2) De stijging wordt voornamelijk verklaard door de verhoogde samenwerking met derde partijen (zie toelichting 46). 115

2018 2019
MILJOEN EURO Vaste activa (1) Vaste activa (1)
Europa 513 524
waarvan België 188 168
NAFTA 299 309
Latijns-Amerika 23 28
Azië/Oceanië/Afrika 69 75
TOTAAL 904 935
Alle buitenlandse landen
Duitsland 243 277
België 188 168
Frankrijk 44 47
Verenigde Staten 164 157
Canada 133 148
Brazilië 19 23
China 31 34
Hong Kong 21 21
Overige landen 61 60
TOTAAL 904 935

(1) Uitgezonderd uitgestelde belastingsvorderingen en volgens de locatie van de activa.

7. ALTERNATIEVE METHODES OM DE PRESTATIE VAN DE ONDERNEMING TE METEN

Het management van de Groep presenteert de begrippen 'Aangepaste EBIT' en 'Aangepaste EBITDA' omdat ze aan de hand van deze begrippen de prestatie van de verschillende divisies meet, daar ze van mening is dat deze termen relevant zijn om de financiële prestatie van de Groep haar de te rapporteren segmenten te begrijpen.

'Aangepaste EBIT' is het resultaat uit bedrijfsactiviteiten voor aftrek van reorganisatiekosten en voor aftrek van niet-recurrente kosten.

'Aangepaste EBITDA' is het resultaat uit bedrijfsactiviteiten voor afschrijvingen en voor aftrek van reorganisatie- en niet-recurrente kosten.

Reorganisatiekosten hebben voornamelijk betrekking op ontslagvergoedingen aan het personeel. Deze kosten worden gepresenteerd in Overige bedrijfskosten (toelichting 9.2).

Per jaareinde 2019 bedragen de niet-recurrente resultaten 79 miljoen euro en hebben betrekking op geboekte bijzondere waardeverminderingsverliezen ten belope van 67 miljoen euro (zie toelichting 27 voor bijzondere waardeverminderingsverliezen in de divisie Offset Solutions), kosten met betrekking tot strategische transformatieprojecten ter waarde van 9 miljoen euro, een uitzonderlijke afwaardering van de voorraad van 1 miljoen euro en een geboekte kost voor een milieuvoorziening (1 miljoen euro), beide gerelateerd aan de sluiting van een fabriek in de Verenigde Staten en de winst op de afgestoten activiteiten (zie toelichting 20) en een winst van 1 miljoen euro verbonden aan de aanpassing van het pensioenplan in de Verenigde Staten ten gevolge van een lijfrenteaflossing (zie toelichting 13.2).

Per jaareinde 2018 bedragen de niet-recurrente resultaten 37 miljoen en hadden betrekking op de kosten verbonden aan geschillen (5 miljoen euro), een uitzonderlijke afwaardering van de voorraad van 7 miljoen euro, geboekte bijzondere waardeverminderingsverliezen van 5 miljoen euro, de resultaten uit de verkoop van land en gebouwen van 2 miljoen euro, kosten uit verstreken diensttijd van toegezegdpensioenregelingen (1 miljoen euro), geboekte bijzondere waardeverminderingsverliezen en kosten met betrekking tot strategische transformatieprojecten voor een bedrag van 14 miljoen euro.

De volgende tabel geeft een overzicht van de prestaties van elk te rapporteren segment:

Resultaat van het segment Offset
Solutions
Digital Print
& Chemicals
Radiology
Solutions
HealthCare IT TOTAAL Beëindigde
activiteiten
MILJOEN EURO 2018 2019 2018 2019 2018 2019 2018 2019 2018 2019 2018 2019
Resultaat van het segment (*) (20) (80) 21 18 52 64 21 41 74 43 (3) 5
Aangepaste EBIT 20 (1) 25 21 60 72 34 50 139 142 (3) (1)
Aangepaste EBITDA 41 28 31 33 73 97 49 79 193 236 (3) (1)

(*) Segmentresultaat is het resultaat uit bedrijfsactiviteiten toegewezen aan een te rapporteren segment.

Reconciliatie van het segmentresultaat van aangepaste EBIT met het resultaat uit bedrijfsactiviteiten 2018 2019
Aangepaste EBIT van het segment 139 142
Aangepaste EBIT niet toegewezen aan een segment: (14) (17)
voornamelijk met betrekking tot 'Corporate Services'
Eliminatie van beëindigde activiteiten 3 1
Aangepaste EBIT 128 126
Reorganisatiekosten 29 27
Niet-recurrente kosten 37 79
Eliminatie van beëindigde activiteiten - 6
Resultaat uit bedrijfsactiviteiten 62 14
Reconciliatie van aangepaste EBIT met aangepaste EBITDA
Aangepaste EBIT 128 126
Afschrijvingen op immateriële activa en materiële activa 54 56
Afschrijvingen op activa met gebruiksrecht (impact van IFRS 16) 38
Aangepaste EBITDA 182 220
Reconciliatie van aangepaste EBITDA toegewezen aan een segment met aangepaste EBITDA
Aangepaste EBITDA toegewezen aan een segment 193 236
Aangepaste EBITDA uit bedrijfsactiviteiten niet toegewezen aan een segment (14) (17)
voornamelijk met betrekking tot 'Corporate Services'
Eliminatie van beëindigde activiteiten 3 1
Aangepaste EBITDA 182 220

8. OPBRENGSTEN

Voortgezette activiteiten Beëindigde activiteiten
(zie toelichting 20)
MILJOEN EURO 2018 2019 2018 2019 2018 2019
Opbrengsten uit contracten
met klanten
2.187 2.242 56 28 2.243 2.270
Opbrengsten uit
andere bronnen:
kasstroomafdekkingen
4 (3) - - 4 (3)
TOTAAL 2.191 2.239 56 28 2.247 2.267

8.1 AARD VAN DE GOEDEREN EN DIENSTEN

De Groep genereert opbrengsten uit de verkoop van goederen, uit dienstverlening en uit de verkoop van contracten waarin meerdere goederen en/of diensten samen worden aangeboden aan de koper.

Opbrengsten uit de verkoop van goederen omvat de verkoop van verbruiksgoederen, chemicaliën, wisselstukken, machines en softwarelicenties. Opbrengsten uit de verkoop van goederen worden erkend op het moment dat de controle van de goederen overgaat op de klant en wanneer er geen onzekerheid bestaat omtrent de inning van de verkoopprijs. In de bepaling of de inning van de verkoopprijs al dan niet waarschijnlijk is, houdt de Groep rekening met de kredietwaardigheid van de klant en diens intentie tot betalen van de verkoopprijs op vervaldag.

Opbrengsten uit dienstverlening omvat dienstverlening in verband met de installatie van software applicaties en machines, onderhoud en bijkomende post-contract dienstverlening. In overeenstemming met de huidige IFRS 15 worden de opbrengsten uit dienstverlening erkend over de looptijd van het contract aangezien de klant gelijktijdig de voordelen van deze dienstverlening ontvangt en consumeert. In de gevallen waarbij de Groep meerdere diensten gelijktijdig aanbiedt, zullen de opbrengsten over de verschillende diensten verdeeld worden gebaseerd op de verkoopprijs die van toepassing is wanneer deze diensten apart verkocht worden.

De Groep sluit tevens overeenkomsten af waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden aan de koper ('multiple-element arrangements'). Deze overeenkomsten omvatten de verkoop van software, licenties, hardware, installatiediensten, onderhoud en dienstverlening na verkoop. Overeenkomstig de nieuwe IFRS 15 heeft de Groep onderzocht of de verschillende goederen en/ of diensten aangeboden in deze overeenkomsten, kwalificeren als aparte prestatieverplichtingen op basis van de criteria van identificeerbaarheid en op basis van het feit of de goederen en/of diensten waarde creëren voor de koper op zich of met diensten en/of goederen die vrij verkrijgbaar zijn op de markt. De Groep heeft geoordeeld dat deze criteria voldaan zijn voor overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden en die geen softwareproducten bevatten die significante aanpassingen en programmatie op maat van de koper vereisen.

De toepassing van deze boekhoudkundige regel inzake opbrengstenerkenning van overeenkomsten waarin meerdere goederen en/ of diensten samen aangeboden worden, vereist een zekere oordeelsvorming door het management inzake de allocatie van de totale verkoopprijs naar de verschillende prestatieverplichtingen, inclusief gegeven kortingen. Wijzigingen aan prestatieverplichtingen en de respectieve waarden toegewezen aan de individuele prestatieverplichtingen, kunnen een materiële impact hebben op de waarde van de bedragen in omzet erkend en de nog te erkennen bedragen.

Binnen het segment Agfa HealthCare IT en het segment Radiology Solutions vereist het merendeel van de overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden, geen significante aanpassingen van het softwaregedeelte en geen programmatie op maat van de koper. Bij de verkoop van machines die aanzienlijke installatie vereisen binnen het segment 'Offset Solutions' en 'Digital Print and Chemicals', worden de opbrengsten geboekt nadat de installatie in overeenstemming met alle contractuele bepalingen is voltooid en de machine gebruiksklaar is voor de koper. Overeenkomstig de nieuwe IFRS 15 heeft de Groep geoordeeld dat de machine en installatiediensten zeer nauw verbonden zijn en behandeld zullen worden als één prestatieverplichting, die in opbrengsten geboekt worden op het moment van succesvolle installatie bij de koper.

In het bedrijfssegment HealthCare IT heeft de Groep standaardbetalingstermijnen die verschillen per geografische regio op basis van lokaal gehanteerde praktijken. Betalingstermijnen worden zo kort mogelijk gehouden. In Europa, Latijns-Amerika, NAFTA en Azië/Pacific bedragen de betalingstermijnen doorgaans 30 dagen na factuurdatum, behalve in Zuid-Europa waar ze tussen 60-90 dagen na factuurdatum bedragen.

In de andere divisies van de Groep worden de betalingstermijnen eveneens bepaald op basis van bedrijfs- en geografische vereisten. Afwijkingen van de richtlijnen dienen steeds nagekeken en goedgekeurd te worden door de kredietcomités op basis van diverse criteria.

8.2 UITSPLITSING VAN OPBRENGSTEN UIT CONTRACTEN MET KLANTEN

De uitsplitsing van opbrengsten uit contracten met klanten volgens rapporterende entiteit op 31 december 2019 en op 31 december 2018 zoals vereist door IFRS 15 wordt als volgt voorgesteld:

2019
MILJOEN EURO Offset
Solutions
Digital Print &
Chemicals
Beëindigde
activiteiten
Radiology
Solutions
HealthCare IT Totaal van voort
gezette activiteiten
Geografische regio
Europa 377 139 133 328 977
NAFTA 146 100 28 70 134 450
Latijns-Amerika 61 11 61 18 151
Azië/Oceanië/Afrika 259 106 271 26 662
Totale opbrengsten per
geografische regio
(destinatie principe)
843 356 28 535 506 2.239
Opbrengsten naar aard
Opbrengsten uit de verkoop
van goederen
794 329 28 431 135 1.689
Opbrengsten uit de verkoop
van diensten
49 26 105 370 550
Tijdstip van opbrengstenerkenning
Opbrengsten erkend op een
specifiek punt in de tijd
810 342 28 431 135 1.718
Opbrengsten erkend volgens
verloop van tijd
34 13 105 370 522
2018
MILJOEN EURO Offset
Solutions
Digital Print &
Chemicals
Beëindigde
activiteiten
Radiology
Solutions
HealthCare IT Totaal van voort
gezette activiteiten
Geografische regio
Europa 409 130 133 310 982
NAFTA 169 93 56 88 132 482
Latijns-Amerika 66 9 65 18 158
Azië/Oceanië/Afrika 206 105 228 30 569
Totale opbrengsten per
geografische regio
(destinatie principe)
850 337 56 514 490 2.191

Transactieprijzen met betrekking tot prestatieverplichtingen die nog dienen nagekomen te worden, worden niet toegelicht daar het gaat over contracten die in het algemeen een looptijd hebben van minder dan één jaar.

8.3 HANDELSVORDERINGEN EN ACTIVA EN VERPLICHTINGEN VERBONDEN AAN CONTRACTEN MET KLANTEN

De Groep heeft de volgende handelsvorderingen en activa en verplichtingen verbonden aan contracten met klanten:

MILJOEN EURO 2018 2019
Handelsvorderingen 436 429
Contractuele activa verbonden aan contracten met klanten
Activa erkend voor nog te maken kosten
voor contracten met klanten
31 30
Op te maken facturen 74 69
Contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten
Tussentijdse vooruitfacturaties -
uitgestelde opbrengsten
125 126
Ontvangen vooruitbetalingen 27 12
Verwachte volumekortingen en andere kortingen 14 13

Op 31 december 2019 bedroegen de activa verbonden aan contracten met klanten 100 miljoen euro. Deze hebben voornamelijk betrekking op het recht dat de Groep heeft voor verleende diensten en reeds geleverde goederen waarvoor de Groep contractueel het recht heeft om te factureren op een later tijdstip. Op te maken facturen vervat in activa verbonden aan contracten met klanten worden geherklasseerd naar handelsvorderingen op het moment dat de vordering onvoorwaardelijk wordt. Activa erkend met betrekking tot nog te maken kosten voor contracten met klanten bevatten alle kosten die direct toewijsbaar zijn aan het contract, zijnde directe loonkosten, direct toewijsbare materiaalkosten (werken in uitvoering) en kosten die expliciet kunnen doorgerekend worden aan de klanten. De Groep activeert geen kosten voor het verkrijgen van contracten met klanten aangezien de afschrijvingsperiode waarover deze kosten zouden afgeschreven worden lager is dan één jaar.

Op 31 december 2019 bedroegen de verplichtingen verbonden aan contracten met klanten 152 miljoen (151 miljoen kortlopende verplichtingen en 1 miljoen langlopende verplichtingen) en hebben betrekking op nog in opbrengsten te erkennen waarden, ontvangen vooruitbetalingen van klanten en voorziene bedragen voor verwachte volumekortingen en andere kortingen.

Verplichtingen verbonden aan contracten met klanten omvatten contractueel bepaalde gefactureerde bedragen die op basis van de prestatieverplichtingen nog niet in opbrengsten erkend kunnen worden. Ontvangen vooruitbetalingen van klanten omvatten bedragen ontvangen vanwege klanten waar nog geen facturatie voor heeft plaatsgevonden en waarvoor de onderneming een verplichting heeft tot het leveren van goederen en/of diensten. Uitgestelde opbrengsten resulteren voornamelijk uit tussentijdse vooruitfacturaties in overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden en uit tussentijdse vooruitfacturaties van onderhouds- en dienstverleningscontracten.

8.4 EVOLUTIE VAN ACTIVA EN VERPLICHTINGEN VERBONDEN AAN CONTRACTEN MET KLANTEN

De volgende tabel geeft weer hoeveel van het in het huidige jaar erkende bedrag aan opbrengsten vervat zat in de beginbalans van contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten en hoeveel betrekking heeft op prestatieverplichtingen die gerealiseerd werden in een voorgaande periode:

MILJOEN EURO Contractuele activa
verbonden aan
contracten met klanten
Contractuele
verplichtingen
verbonden aan
contracten met klanten
Openingsbalans van contractuele activa en verplichtingen verbonden
aan contracten met klanten
105 166
Opbrengsten erkend die begrepen waren in de openingsbalans van
contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten
- (166)
Opbrengsten erkend met betrekking tot prestatieverplichtingen
volbracht in voorgaande perioden
- -
Vooruitfacturaties aan klanten gedurende het boekjaar - 309
Ontvangen vooruitbetalingen van klanten gedurende het boekjaar - 29
Uitgestelde opbrengsten erkend gedurende het boekjaar - -
Opbrengsten erkend gedurende het boekjaar - (186)
Contractuele activa verbonden aan klanten erkend gedurende het boekjaar 262 -
Transferten van contractuele activa verbonden aan contracten met klanten
naar handelsvorderingen
(189) -
Geboekte waardeverminderingsverliezen op contractuele activa
verbonden aan contracten met klanten
- -
Contractuele activa verbonden aan klanten erkend in de kostprijs
van verkopen gedurende het boekjaar (Werken in uitvoering)
(79) -
Veranderingen in verwachte volumekortingen en andere kortingen - (1)
Eindbalans van contractuele activa en verplichtingen verbonden
aan contracten met klanten
99 151

9. OVERIGE BEDRIJFSOPBRENGSTEN EN BEDRIJFSKOSTEN

9.1 OVERIGE BEDRIJFSOPBRENGSTEN

MILJOEN EURO 2018 2019
Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van derivaten 7 10
Doorrekening naar klanten 6 5
Strategische alliantie voor UV digitale verpakkingsinkten tussen
Siegwerk Druckfarben AG & Co. KGaA en Agfa NV
21 6
Baten uit financiële leaseovereenkomsten 6 6
Winst uit de verkoop van materiële vaste activa 2 1
Winst uit de afstoting van beëindigde activiteiten 0 6
Afwikkelingswinst uit lijfrenteplaatsing van het pensioenplan in de VS 0 1
Diverse overige opbrengsten 14 14
TOTAAL 56 48
Eliminatie van de afstoting van beëindigde activiteiten - (6)
TOTAAL (Geconsolideerd) 56 42

Inkomsten uit doorbelastingen aan klanten bevatten voornamelijk doorbelastingen van vrachtkosten en kosten van Onderzoek en Ontwikkeling.

In de loop van 2018 tekende Agfa NV een contract met Siegwerk Druckfarben AG & Co.KGaA, één van de toonaangevende internationale leveranciers van drukinkten voor verpakkingstoepassingen en etiketten. Het contract tussen de twee bedrijven omvat een overdracht van activiteiten van Agfa NV aan Siegwerk van een geselecteerde OEM-klantenlijst, toegang tot knowhow, intellectuele eigendom en diensten op het gebied van UV-uithardende digitale inkjetinkten voor de single pass verpakkings- en labelindustrie. Het contract resulteerde in een overige bedrijfsopbrengst ten belope van 21 miljoen euro in 2018 en 6 miljoen Euro in 2019.

De baten uit financiële leaseovereenkomsten bevatten hoofdzakelijk interestopbrengsten en opbrengsten uit de verkoop van invorderbare minimale leasebetalingen.

De winst uit de afstoting van beëindigde activiteiten wordt uitgelegd in toelichting 20 Afstotingen.

De gedeeltelijke afwikkelingswinst uit lijfrenteplaatsing van het pensioenplan in de VS wordt verder uitgelegd in toelichting 13 Personeelsbeloningen.

9.2. OVERIGE BEDRIJFSKOSTEN

MILJOEN EURO 2018 2019
Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van derivaten 8 11
Reorganisatiekosten 28 28
Geboekte bijzondere waardeverminderingsverliezen voortvloeiend uit de
jaarlijkse toetsing op bijzondere waardeverminderingsverliezen van het
bedrijfssegment Offset Solutions
0 67
Kosten van de verkoop van immateriële activa en materiële vaste activa 1 1
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill en immateriële vaste
activa en materiële vaste activa
6 7
Huisvestingskosten met betrekking tot leegstand 3 5
Diverse overige kosten 27 14
TOTAAL 73 131

In 2019 herkende de Groep onder overige bedrijfskosten reorganisatiekosten ten belope van 28 miljoen euro (2018: 28 miljoen euro). Het gaat hier voornamelijk om kosten voor opzeggingsvergoedingen. Het bedrag herkend voor 2018 omvat opzeggingsvergoedingen alsook kosten naar aanleiding van de sluiting van de fabriek in Branchburg (VS).

Toelichting 27 Goodwill en immateriële activa bevatten meer informatie over de bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill, immateriële activa en materiële vaste activa die het gevolg zijn van de jaarlijkse test op een mogelijke bijzondere waardevermindering voor de kasstroomgenererende eenheid Offset Solutions.

10. NETTOFINANCIERINGSLASTEN

MILJOEN EURO 2018 2019
Financieringsbaten
op bankdeposito's 2 2
TOTAAL FINANCIERINGSBATEN 2 2
Financieringskosten op financiële schulden gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs
op bankleningen (8) (8)
op obligatielening (2) (2)
TOTAAL FINANCIERINGSKOSTEN (10) (10)
Overige financieringsbaten
Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van derivaten die geen deel uitmaken
van een afdekkingsrelatie - nettobedrag
1
Financieringsbaten uit derivaten die geen deel uitmaken van een afdekkingsrelatie 3 3
Winsten uit de herwaardering van de uitgestelde aankoopprijs met betrekking tot overnames - 3
Overige 1
5
TOTAAL OVERIGE FINANCIERINGSBATEN 8
Overige financieringskosten
Pensioenlast van de periode die als overige financiële opbrengsten/(kosten) wordt
behandeld en renteaandeel op overige rentedragende verplichtingen (1)
(24)
Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van derivaten die geen deel uitmaken
van een afdekkingsrelatie - nettobedrag
(2)
Financieringslasten uit derivaten die geen deel uitmaken van een afdekkingsrelatie (3)
Financieringslasten uit derivaten die aangeduid zijn als kasstroomafdekkingen (3)
Financieringslasten op overige vorderingen (1)
Financieringslasten uit leaseverplichtingen -
Overige (3)
TOTAAL OVERIGE FINANCIERINGSLASTEN (36) (24)
(2)
(2)
(2)
(1)
(3)
(4)
(38)

(2) Bovenvermelde nettofinancieringskosten bevatten volgende financieringsbaten en financieringskosten uit financiële activa en verplichtingen die niet geclassificeerd zijn in de categorie financiële activa en verplichtingen tegen reële waarde met waardeveranderingen opgenomen in de winst- en verliesrekening.

Totale financieringsbaten op financiële activa 2 2
Totale financieringskosten op financiële verplichtingen (10) (13)

11. INFORMATIE OVER DE AARD VAN DE KOSTEN

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de belangrijkste kosten/inkomsten (inclusief herstructureringskosten) van het bedrijfsresultaat van de Groep volgens de aard van de kosten/inkomsten:

MILJOEN EURO Toelichting 2018 2019
Opbrengsten 2.247 2.267
Kostprijs van grondstoffen, goederen aangekocht voor verkoop en
productiegerelateerde kosten (incl. voorraadwijzigingen)
(810) (844)
Kostprijs van diensten en overige goederen (467) (412)
Kosten voor personeelsbeloningen (819) (789)
Afschrijvingen 27/28 (54) (94)
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill, immateriele activa
en materiële activa
(6) (76)
Afwaardering op voorraden 32 (23) (16)
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op vorderingen (5) (4)
Wijzigingen in voorzieningen (excl. Reorganisatiekosten) (5) -
Reorganisatiekosten 6/7/9 (28) (28)
Overige belastingkosten (21) (20)
Overige kosten (44) (34)
Overige belastingopbrengsten 1 -
Belastingkredieten met betrekking tot onderzoek en ontwikkeling 12 7
Interestopbrengsten van leasingactiviteiten 3 4
Geactiveerde kosten (projecten, activa in aanbouw) 9 8
Winst op de verkoop van immateriele activa en materiele vaste activa 3 1
Winst op de verkoop van beëindigde activiteiten - 6
Overige opbrengsten 66 43
Resultaat uit bedrijfsactiviteiten 59 19
Resultaat uit beëindigde activiteiten 3 (5)
Resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 62 14

Kostprijs van grondstoffen, goederen aangekocht voor verkoop en productiegerelateerde kosten omvat alle kosten met betrekking tot de aankoop van grondstoffen, goederen aangekocht voor verkoop, wisselstukken, voorraadwijzigingen en andere kosten die duidelijk gelieerd zijn aan het productieproces zoals kosten voor het versnijden en revisiekosten voor zover deze opgenomen zijn in de kostprijs van verkopen gedurende het boekjaar.

Kostprijs van diensten en overige goederen omvat:

  • Het extern voorbereidende werk voor de verwerking of productie van producten en projecten in opdracht van de Onderneming;
  • Transport, vrachtkosten, rechten, opslag- en behandelingskosten;
  • Elektriciteit en andere nutsvoorzieningen;
  • Reis- en representatiekosten;
  • Kosten verbonden aan leasingactiviteiten.

De kosten voor personeelsbeloningen bedroegen in 2019 789 miljoen euro ten opzichte van 819 miljoen euro in 2018 en omvatten (zie ook toelichting 13):

  • Alle personeelsgerelateerde kosten zoals lonen, salarissen en sociale zekerheidsbijdragen;
  • Kosten voor vergoeding na uitdiensttreding;
  • Opbouw van personeelsverplichtingen (zoals jaarlijks vakantiegeld en jaarlijkse variabele vergoedingen);
  • Overige personeelskosten (zoals kosten voor interimkrachten, kosten voor opleiding, aanwerving en begeleiding bij hertewerkstelling).

In 2019 bedroeg het gemiddelde aantal personeelsleden in voltijdse equivalenten 9.602 (2018: 10.018). Per functie binnen de Groep kan dit gemiddelde, omvattende vaste en tijdelijke contracten, als volgt weergegeven worden:

2018 2019
Productie en engineering 2.900 2.703
Onderzoek en ontwikkeling 1.413 1.414
Verkoop en marketing/service 4.089 3.871
Administratie 1.616 1.613
TOTAAL 10.018 9.602

12. WINST PER AANDEEL

12.1 GEWONE WINST PER AANDEEL/VERWATERDE WINST PER AANDEEL

De berekening van de winst per aandeel is gebaseerd op een toe te kennen verlies aan de aandeelhouders van de Onderneming van 53 miljoen euro (2018: toe te kennen verlies van 24 miljoen euro) en een gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande aandelen gedurende het jaar 2019 van 167.751.190 (2018: 167.751.190).

Het gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande aandelen werd als volgt berekend:

Aantal uitgegeven aandelen (zie toelichting 37.1) 171.851.042
Eigen aandelen (zie toelichting 37.2) -4.099.852
Aantal uitstaande gewone aandelen op 1 januari 2019 167.751.190
Effect van opties uitgeoefend gedurende 2019 -
Effect van potentiële gewone aandelen die tot verwatering zullen leiden -
Gewogen gemiddelde aantal uitstaande aandelen op 31 december 2019 167.751.190
EURO 2018 2019
Gewone winst/verwaterde winst per aandeel (0,14) (0,32)

De gemiddelde reële waarde van een gewoon aandeel bedroeg in 2019 3,78 euro per aandeel.

PERSONEELSBELONINGEN

Verplichtingen aan het personeel

MILJOEN EURO 31 december 2018 31 december 2019
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding 1.046 1.125
Langetermijnontslagvergoedingen 20 12
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding en langetermijn
ontslagvergoedingen
1.066 1.137
Overige personeelsbeloningen 13 12
Langlopende verplichtingen 1.079 1.149
Kortlopende verplichtingen 134 130
TOTAAL VAN DE VERPLICHTINGEN AAN HET PERSONEEL 1.213 1.279

Kosten voor personeelsbeloningen

MILJOEN EURO 2018 2019
Loonlijst gerelateerde uitgaven 647 623
Kosten voor vergoedingen na uitdiensttreding 47 45
Opbouw van personeelsverplichtingen 94 91
Overige personeelsgerelateerde kosten 32 30
TOTAAL 819 789

13. VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING

In de meeste landen waarin de Groep actief is, voorzien de ondernemingen van de Groep in vergoedingen na uitdiensttreding, voornamelijk onder de vorm van toegezegdebijdrageregelingen. In een aantal landen voorziet de Groep ook in toegezegdpensioenregelingen. De nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen voor België, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten van Amerika (hierna de 'materiële' landen) vertegenwoordigen samen 96% (2018: 96%) van de totale nettoverplichting van de Groep. Een belangrijk deel van deze verplichtingen heeft betrekking op plannen waarvoor geen rechten meer kunnen worden opgebouwd. Dit is de situatie in het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten van Amerika en voor een belangrijk deel van de Duitse pensioenplannen. In België is het 'Fabriekspensioenplan' gesloten voor nieuwe managers van de Groep welke in dienst treden vanaf 1 januari 2019.

De impact van de pensioenregelingen van de Groep op de geconsolideerde balans en winst- en verliesrekening wordt weergeven in volgend overzicht, uitgesplitst over de 'materiële landen' en de overige landen van de Groep.

31 december 2018 31 december 2019
MILJOEN EURO België /
Duitsland /
VK / VS
Overige
landen
TOTAAL België /
Duitsland /
VK / VS
Overige
landen
TOTAAL
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding 1.006 40 1.046 1.077 48 1.125
96% 96%
2018 2019
MILJOEN EURO België /
Duitsland /
VK / VS
Overige
landen
TOTAAL België /
Duitsland /
VK / VS
Overige
landen
TOTAAL
Werkgeversbijdragen voor toegezegdebijdrageregelingen 4 5 9 4 5 9
Kosten voor vergoedingen na uitdiensttreding -
aan het dienstjaar toegerekend
21 1 22 21 1 22
Kosten voor vergoedingen na uitdiensttreding -
verstreken diensttijd
1 - 1 - - -
Kosten voor vergoedingen na uitdiensttreding -
belangrijke inperking/beëindiging van de regelingen
- - - (1) - (1)
Kosten voor Belgische toegezegdebijdrageregelingen
met gewaarborgd rendement
14 - 14 14 - 14
Kosten wegens vergoedingen na uitdiensttreding,
opgenomen in EBIT
41 6 47 39 6 45
86% 86%
Nettofinancieringskost voor verplichtingen wegens
vergoedingen na uitdiensttreding
22 1 23 22 1 23
Totaal pensioenkosten weergegeven in de winst
en verliesrekening
63 7 70 61 7 68

13.1 TOEGEZEGDEBIJDRAGEREGELINGEN

In 2019 betaalde de Groep aan openbaar of privaat beheerde pensioen- of verzekeringsfondsen 9 miljoen euro (9 miljoen euro in 2018) voor haar toegezegdebijdrageregelingen. Hiervan heeft 4 miljoen euro betrekking op de 'materiële' landen van de Groep. Eenmaal de bijdrage is betaald, hebben de ondernemingen van de Groep geen verdere verplichtingen meer. De periodieke bijdragen vormen een kost van het jaar waarin ze verschuldigd zijn.

Toegezegdebijdrageregelingen in België zijn inzake de toe te passen boekhoudkundige behandeling in IFRS geen toegezegdebijdrageregelingen maar toegezegdpensioenregelingen. Bijkomende informatie wordt hierna verstrekt.

13.2 TOEGEZEGDPENSIOENREGELINGEN

13.2.1 Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement

Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement vallen onder toepassing van de wet van april 2003 op de aanvullende pensioenen. Volgens artikel 24 van deze wet hebben aangeslotenen recht op een minimum rendement op bijdragen betaald door hetzij de organisator van het plan hetzij de werknemer. Tot 31 december 2015 gold een minimum rendement van 3,75% op de persoonlijke bijdragen van de werknemer en 3,25% op de bijdragen van de werkgever.

De wet van 18 december 2015, van kracht vanaf 1 januari 2016, heeft een aantal wijzigingen doorgevoerd aan de wet van 28 april 2003. Vanaf 1 januari 2016 wordt het gewaarborgd rendement in lijn gebracht met een bepaald percentage (65%) van het gemiddeld rendement op 1 juni over de laatste 24 maanden van Belgische Staatsobligaties (OLO's) met een looptijd van 10 jaar, met een minimum van 1,75% en een maximum van 3,75%. Vanaf 2016 is de interestvoet vastgesteld op 1,75% en is zowel op de persoonlijke bijdragen van de werknemer als op de bijdragen van de werkgever van toepassing.

Wat de toepassing van het gewaarborgd rendement betreft bij wijziging van interestvoet voorziet de wet van 18 december 2015 in de toepassing van de 'horizontale methode' voor verzekerde plannen met een vast rendement tot aan pensionering (de zogenoemde 'Tak 21' verzekerde producten) en de 'verticale methode' voor alle andere situaties. Alle verzekerde plannen binnen de Belgische ondernemingen van de Groep zijn beheerd via 'Tak 21' verzekerde producten.

De toepassing van de 'horizontale methode' is vergelijkbaar met een depositorekening met vaste rente. Voor alle bijdragen die overeenkomstig het plan verschuldigd zijn voor de datum van vaststelling van de gewijzigde interestvoet, blijft de vorige interestvoet van toepassing tot het ogenblik waarop een van volgende situaties zich voordoet: beëindiging van de tewerkstelling, pensionering of stopzetting van het plan. De nieuwe interestvoet is dan van toepassing op alle bijdragen verschuldigd vanaf de datum van vaststelling van de gewijzigde interestvoet tot het ogenblik waarop een van voorgaande situaties zich voordoet.

Het minimum rendement van 3,25% (persoonlijke bijdragen werknemer) en 3,75% (bijdragen van de werkgever) is bijgevolg voor alle toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement nog van toepassing voor bijdragen betaald tot 31 december 2015. Op deze bijdragen hebben aangeslotenen recht op een minimum rendement van 3,25%/3,75% tot aan pensionering (beëindiging van de tewerkstelling of stopzetting van het plan). Voor bijdragen betaald vanaf 2016 is de werkgever verplicht een minimum rendement van 1,75% te garanderen tot aan pensionering (uitstapregeling of beëindiging van tewerkstelling).

De laatste jaren hebben de verzekeraars hun technische rentevoeten laten dalen. Onder technische rentevoet wordt het rendement, exclusief winstdeelname, dat een verzekeraar bereid is toe te zeggen bedoeld. Deze is over het algemeen lager dan de verplichte minimum rendementsgarantie zoals opgelegd in de wet. Aangezien de werkgever verplicht wordt een minimum rendement te garanderen worden niet alle actuariële en investeringsrisico's overgedragen naar de verzekeringsmaatschappijen die deze plannen beheren. Bijgevolg voldoen deze plannen niet aan de definitie van toegezegdebijdrageregeling zoals opgenomen in IFRS en worden ze per definitie als toegezegdpensioenregeling gerangschikt.

De wet van 18 december 2015 heeft tevens een impact op de boekhoudkundige verwerking van toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement. In lijn met de waardering gehanteerd voor alle andere toegezegdpensioenregelingen, wordt de verplichting uit hoofde van toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement voortaan bepaald als het verschil tussen de contante waarde van de brutoverplichtingen (DBO) en de reële waarde van fondsbeleggingen.

Op 31 december 2019 zijn volgende toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement operationeel:

  • 1. Top Performance Plan: Dit plan voorziet in uitgestelde compensatie voor bonussen toegekend aan werknemers van Agfa-Gevaert NV, Agfa NV, Agfa HealthCare NV en Agfa Finance NV. Gegeven het feit dat dit plan geen vooraf vastgelegde bijdragen voorziet, werd de PUC-methode exclusief toekomstige bijdragen gebruikt.
  • 2. Pensioenplan voor werknemers van NV: Dit plan voorziet in recurrente bijdragen voor de werknemers van Agfa HealthCare NV in Gent. De PUC-methode inclusief toekomstige bijdragen werd toegepast.
  • 3. Pensioenplan voor uitvoerende bestuursleden: Dit plan voorziet in recurrente bijdragen voor de uitvoerende bestuursleden van Agfa-Gevaert NV en Agfa HealthCare NV. De PUC-methode inclusief toekomstige bijdragen werd toegepast.
  • 4. Groepsverzekering voor kaderleden en uitvoerende bestuursleden: Dit plan voorziet in recurrente bijdragen toegekend aan kaderleden en uitvoerende bestuursleden van Agfa-Gevaert NV, Agfa HealthCare NV en Agfa NV. De PUC-methode inclusief toekomstige bijdragen werd toegepast.
  • 5. Groepsverzekering voor werknemers van Agfa HealthCare NV en Agfa NV: Dit plan voorziet in recurrente bijdragen voor de werknemers van Agfa HealthCare NV en Agfa NV. De PUC-methode inclusief toekomstige bijdragen werd toegepast.

Alle voornoemde plannen worden met werkgeversbijdragen gefinancierd met uitzondering van de groepsverzekering voor kaderleden en uitvoerende bestuursleden die zowel met werkgevers- als werknemersbijdragen wordt gefinancierd.

In de loop van 2018, als gevolg van de herallocatie van de HealthCare IT- en HealthCare Imaging-activiteiten over verschillende legale entiteiten, werden de planregelingen bedoeld onder bovenstaande punten 3 en 5 aangepast om Agfa HealthCare NV, respectievelijk Agfa NV op te nemen als sponsor van het plan.

In 2019 bedroeg de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkost voor de Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement 14 miljoen euro (2018: 14 miljoen euro). Voor 2020 verwacht de Groep een gelijkaardige kost.

De technische rentevoet die verzekeringsmaatschappijen in 2018 en 2019 hebben toegepast, bedraagt tussen 0,25% en 4,75%. Bepalende factoren in deze context zijn de datum waarop een werknemer toetreedt tot een plan en of de verzekeraar een gegarandeerde interestvoet op toekomstige premies aanbiedt.

Voor elk vernoemd plan geeft onderstaand overzicht informatie over het type rendementsgarantie gegarandeerd door de verzekeraar en de evolutie van de gegarandeerde interestvoeten toegepast door de verschillende verzekeraars gedurende 2019 en voorgaande jaren.

Benaming van het plan Type rendementsgarantie Interestvoeten gegarandeerd door de
verzekeraar (d.i. excl. winstdeelname)
2015 2016 2017 2018 2019
1 Top Performance Plan
(NN Insurance en AGI)
Gegarandeerde interestvoet
op reserves
1,5% 1,0% 0,75% 0,75% 0,75%
2 Pensioenplan voor werknemers
van Agfa HealthCare NV (Gent):
Axa
Gegarandeerde interestvoet
op reserves en
toekomstige premies
3,25% op zowel werkgevers- als werknemersbijdragen tot
31/12/2012; 1,75% voor nieuw aangeslotenen vanaf januari 2013
en voor toenames in de premies tussen 31/12/2012 en 31/03/2015;
0,50% vanaf juli 2015 tot 1/10/2016; en 0,25% daarna
3 Pensioenplan voor kaderleden
van Agfa-Gevaert NV en
Agfa HealthCare NV: Axa
Gegarandeerde interestvoet
op reserves
1,75% 1,5% 0,75% 0,75% 0,75%
4 Groepsverzekering voor
kaderleden en uitvoerende
bestuursleden: AGI
Gegarandeerde interestvoet
op reserves en
toekomstige premies
3,25% op zowel werkgevers- als werknemersbijdragen
tot 31/12/2012; 1,75% voor nieuw aangeslotenen vanaf
januari 2013 en voor toenames in de premies tussen
31/12/2012 en 31/03/2015; 1,0% vanaf april 2015 tot 1/07/2016;
0,50% tot 1/04/2017; en 0,25% daarna
5 Groepsverzekering voor
werknemers van
Agfa HealthCare NV en
Agfa NV: AGI
Gegarandeerde interestvoet
op reserves
2,25% tot
1/07/2015;
1,5% vanaf
juli 2015
1,50% tot
1/07/2016;
1,0% vanaf
juli 2016
1,50% tot
1/07/2016;
1,0% vanaf
juli 2016 tot
april 2017;
en 0,75%
daarna
0,75% 0,75%

13.2.2 Toegezegdpensioenregelingen met uitzondering van toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement De toegezegdpensioenregelingen van de Groep omvatten voornamelijk pensioenregelingen.

Het 'Group Pension Committee', gecreëerd als een subcomité van het 'Executive Committee' van de Groep, assisteert het Executive Committee in het toezicht en de supervisie van de verschillende binnen de Groep bestaande pensioenplannen en andere overeenkomsten die voorzien in vergoedingen na uitdiensttreding.

Het comité adviseert het Executive Committee over aangelegenheden in verband met het ontwerpen van personeelsbeloningsplannen zoals het aanpassen of beëindigen – geheel of gedeeltelijk – van de personeelsbeloningsplannen en de financiering ervan. Naast het adviseren van het Executive Committee, is het 'Group Pension Committee' eveneens verantwoordelijk voor het toezicht op het plaatselijke bestuur, zijnde het lokale bestuur van het pensioenfonds en het bestuur van de verantwoordelijke werkgevers die bijdragen in dit fonds. Zij houdt toezicht op het vervullen van hun verantwoordelijkheden in pensioengerelateerde aangelegenheden.

Het 'Group Pension Committee' heeft voor de belangrijkste plannen die via een afzonderlijk pensioenfonds worden gefinancierd een strategische allocatie van de fondsbeleggingen vastgelegd. Het Comité herbekijkt op regelmatige basis de gewenste onderverdeling van fondsbeleggingen om zich zo te verzekeren dat ze aangepast blijven aan de verschillende profielen van verplichtingen van pensioenfondsen.

Voor het beheer van de beleggingsfondsen, wordt het 'Group Pension Committee' bijgestaan door het 'Group Pension Investment Committee'. Het 'Group Pension Investment Committee' heeft een 'Group Investment Guideline' uitgevaardigd welke door het 'Group Pension Committee' werd goedgekeurd. Het 'Group Pension Committee' houdt toezicht op de juiste toepassing van deze richtlijn.

De Groep onderzoekt via haar 'Group Pension Committee' oplossingen om de omvang van de verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding te verminderen alsook de eraan verbonden risico's. De laatste jaren heeft het 'Group Pension Committee' verschillende maatregelen voorgesteld en gerealiseerd zoals de sluiting van het 'Fabriekspensioenplan' voor nieuwe managers die in dienst treden vanaf 1 januari 2019, het aanbod in december 2018 om een specifiek deel van de rechten opgebouwd onder het 'Agfa UK pension plan' over te dragen aan een derde verzekeraar, de éénmalige afwikkeling in 2018 van pensioenverplichtingen aan niet-actieve leden met opgebouwde uitgestelde rechten in het pensioenplan van de Verenigde Staten van Amerika. De gepensioneerden van het 'Agfa Corporation Pension Plan' werd in 2019 de mogelijkheid geboden om hun rechten éénmalig af te kopen.

De belangrijkste toegezegdpensioenregelingen van de Groep gelden meestal voor alle werknemers en zijn gebaseerd op het salaris van de werknemer en het aantal jaren dienst.

De karakteristieken en de risico's van de pensioenregelingen worden hierna in detail besproken.

België

In België hebben de verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding voornamelijk betrekking op het basisplan, genaamd 'Fabriekspensioenplan'. Dit plan is gefinancierd via bijdragen betaald aan een afzonderlijk pensioenfonds opgericht onder de rechtsvorm OFP (Organisme voor de Financiering van Pensioenen). Dit fonds heeft als taak om de pensioenrechten die de werkgevers, die participeren in het fonds, toezeggen aan de begunstigden van het plan, uit te keren. De werkgevers die deelnemen aan het fonds zijn Agfa-Gevaert NV, Agfa NV en Agfa Finance NV. Na de splitsing op 1 juli 2018 van HealthCare IT waarbij de HealthCare Imaging activiteit en de pensioenverplichtingen van de inactieven werden overgedragen naar Agfa NV, heeft HealthCare IT de pensioenverplichtingen van de resterende 75 aangeslotenen van de HealthCare IT-activiteit op 31 oktober 2018 getransfereerd naar een verzekeraar. Fondsbeleggingen ten bedrage van 6,84 miljoen euro werden overgedragen naar de verzekeraar waardoor HealthCare IT niet langer deelneemt aan het fonds.

De meerderheid van de werknemers van voornoemde werkgevers kunnen aanspraak maken op de voordelen van het 'Fabriekspensioenplan'. Werknemers die aangeworven werden door Agfa HealthCare NV of door de rechtsvoorganger Agfa Europe NV bouwen geen rechten op onder het 'Fabriekspensioenplan' maar onder een groepsverzekering (zie plan onder punt 5 van de toegezegdpensioenregelingen met gewaarborgd rendement). Vanaf 1 januari 2019 is het 'Fabriekspensioenplan' tevens gesloten voor nieuwe managers van de Groep.

De deelnemers van het 'Fabriekspensioenplan' bouwen rechten op gebaseerd op een formule op basis van een laatste jaarlijks inkomen. Daar dit gefinancierd plan nog steeds nieuwe deelnemers toelaat en werknemers nog nieuwe pensioenrechten opbouwen met uitzondering van nieuwe managers, stelt het plan de Onderneming bloot aan het risico op salarisverhoging naast andere risico's zoals het interestrisico, het beleggingsrisico en het 'longevity'-risico. Meer dan 95% van de deelnemers kiest voor een eenmalige uitkering bij pensionering, echter het plan is ontworpen als een renteplan. Het wettelijke en regulerend kader voor het 'Fabriekspensioenplan' is gebaseerd op de toepasbare Belgische wet, zijnde de wet van 27 oktober 2006 betreffende het toezicht op de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening en de Wet op de Aanvullende Pensioenen, kort WAP genoemd, van toepassing vanaf 1 januari 2004. Op basis van deze wetgeving wordt jaarlijks in het kader van de financiering een waardering gemaakt. De waarderingsmethode gebruikt om de bijdragen aan het Belgische OFP te bepalen is de 'geaggregeerde kostmethode'.

Met het oog op de financiering van de verplichting over de volledige diensttijd wordt de bijdrage berekend als een jaarlijks vast percentage van de loonkost. Het recentste financieringsplan, opgesteld op basis van gegevens op 31 december 2016 heeft geresulteerd in verhoogde bijdragen vanaf 2018, voornamelijk als gevolg van een daling in de disconteringsvoet. Volgens het laatste actuariële verslag over de Belgische OFP bedraagt het financieringspercentage 114,73% (2018: 122,74%).

De Raad van Bestuur van het 'Pensioenfonds Agfa-Gevaert OFP' draagt de ultieme verantwoordelijkheid voor het beheer van de fondsbeleggingen en de verplichtingen van het 'Fabriekspensioenplan'. Ze hebben het toezicht over de fondsbeleggingen gedelegeerd aan het 'Local Investment Committee' dat opereert binnen het kader vastgelegd door het 'Group Pension Committee'. De 'Statement of Investment Principles (SIP)' dat het 'Local Investment Committee' heeft gemaakt in overeenstemming met de 'Group Investment'-richtlijnen, werd officieel goedgekeurd tijdens de Buitengewone Algemene Vergadering van het 'Pensioenfonds Agfa-Gevaert OFP' op 7 februari 2014. Het 'Local Investment Committee' dient te verzekeren dat de activa van het fonds goed en voorzichtig worden belegd, conform toepasbare wetten en in het belang van de deelnemers en begunstigden van het plan.

Duitsland

In Duitsland zijn er geen wettelijke of gereglementeerde minimale financieringseisen en bijgevolg zijn alle Duitse toegezegdpensioenregelingen binnen de Groep ongefinancierd.

De pensioenplannen in Duitsland omvatten een basisplan dat verbonden is met het pensioengerechtigd salaris geplafonneerd tot het maximum in aanmerking te nemen salaris voor sociale zekerheid en een aanvullend plan dat de vergoedingen dekt verbonden aan het pensioengerechtigd salaris dat dit plafond overtreft.

In Duitsland maken we een onderscheid tussen het 'oude pensioenplan', zijnde het plan dat vanaf 2005 gesloten is voor nieuwe deelnemers – en waarin vanaf 2010 deelnemers ook geen pensioenrechten meer kunnen opbouwen – en het 'nieuwe pensioenplan' – dat van toepassing is voor nieuwe deelnemers vanaf 2005. De populatie die in 2010 genoot van de voordelen van het 'oude pensioenplan' waarin met ingang van 31 december 2009 geen pensioenrechten meer kunnen worden opgebouwd, bouwen tevens in het 'nieuwe pensioenplan' pensioenrechten op, maar genieten in vergelijking met de vanaf 2005 nieuw aangeslotenen, bijkomende voordelen. Beide plannen omvatten een basispensioenplan en een aanvullend plan.

Bijkomend is Agfa gehouden tot het verstrekken van een pensioenplan conform de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomsten in de chemische sector.

Onder het 'oude pensioenplan' wordt het basisplan via de Bayer Pensionskasse (Penka) beheerd. De Bayer Pensionskasse is een collectieve regeling van meerdere werkgevers die boekhoudkundig wordt verwerkt alsof het een toegezegdebijdrageregeling betreft (IAS 19.34 a). Het plan is een toegezegdpensioenregeling welke valt onder het beheer van de vroegere moederonderneming van Bayer AG. Het is boekhoudkundig verwerkt alsof het een toegezegdebijdrageregeling betreft daar we niet over de nodige informatie kunnen beschikken om het als een toegezegdpensioenregeling te verwerken. In geval van een tekort zou dit plan de Groep kunnen blootstellen aan een beleggings- en actuarieel risico. Echter de Groep is van oordeel dat deze risico's onbeduidend zijn. Vanaf 2004 heeft Agfa de verantwoordelijkheid om de rente-uitkeringen aan te passen conform Sec. 16, 1 en 2 van de 'German Pension Act (BetrAVG – Betriebsrentengesetz)'.

Het basispensioen – in de vorm van rente – evenals de vereiste aanpassing van de pensioenrente tot en met 2003 wordt, conform voornoemde wettelijke bepalingen, rechtstreeks door de Penka uitgekeerd. Bijgevolg omvat de verplichting van Agfa met betrekking tot het basisplan, zoals opgenomen in de geconsolideerde balansen van de Groep, uitsluitend de verplichting van Agfa tot aanpassing van de pensioenrente-uitkeringen.

De rechten opgebouwd onder het aanvullend plan, dat boekhoudkundig als een toegezegdpensioenregeling wordt verwerkt, zijn gebaseerd op 'bijdragen' (1) berekend als een vast percentage van het aandeel van het pensioengerechtigd salaris boven het geplafonneerd maximum in aanmerking te nemen salaris voor sociale zekerheid. Vervolgens wordt voor de omrekening van deze 'bijdragen' (1) naar individuele pensioenrechten gebruik gemaakt van een factor onafhankelijk van de leeftijd van deelnemers aan het plan. Na 31 december 2009 konden geen pensioenrechten meer worden opgebouwd onder het 'oude pensioenplan'.

Het 'oude pensioenplan' is uitsluitend van toepassing op nieuwe deelnemers vóór 2005. Zij zijn per einde 2009 gestopt met het opbouwen van pensioenrechten. Vanaf 2010 nemen de werknemers deel in het nieuwe pensioenplan (Rheinische Pensionskasse). Het 'nieuwe pensioenplan' omvat tevens een basispensioenplan, zijnde een plan dat verbonden is met het pensioengerechtigd salaris geplafonneerd tot het maximum in aanmerking te nemen salaris voor sociale zekerheid, en een aanvullend plan waarbij rechten worden opgebouwd op het pensioengerechtigd salaris dat dit plafond overtreft. Het basisplan wordt gefinancierd via bijdragen betaald aan de Rheinische Pensionskasse. Werknemers dragen gedeeltelijk (50%) bij aan de Rheinische Pensionskasse via uitgestelde compensatie. Eenmaal de bijdrage wordt betaald aan de Rheinische Pensionskasse, hebben de ondernemingen van de Groep in principe geen verdere verplichtingen meer. Bijgevolg wordt dit plan boekhoudkundig verwerkt als een toegezegdebijdrageregeling. Het nieuwe aanvullend plan, dat in de balans wordt opgenomen als een directe verplichting vanwege de werkgever, voorziet in tegenstelling tot het vroegere plan, geen plafond voor het pensioengerechtigd salaris.

De rechten opgebouwd onder het aanvullend plan zijn gebaseerd op 'bijdragen' (1) berekend als een vast percentage van het aandeel van het pensioengerechtigd salaris boven het geplafonneerd maximum in aanmerking te nemen salaris voor sociale zekerheid. In tegenstelling tot het oude plan worden vervolgens de 'bijdragen' (1) omgerekend naar individuele pensioenrechten gebruik makend van leeftijdsgebonden factoren en rekening houdend met vooraf bepaalde vaste toenamen van deze rechten.

Vanaf 2012 voorziet het plan in een optie tot uitkering van een vaste som in plaats van maandelijkse rente-uitkeringen.

Werknemers die voorheen participeerden in het 'oude pensioenplan' waarin vanaf 31 december 2009 geen rechten meer kunnen worden opgebouwd, bouwen rechten op in het aanvullend plan waarbij de omvang van de werkgeversbijdrage gekoppeld wordt aan de werknemersbijdrage. De werkgever draagt evenveel als de werknemer bij. De structuur zelf is gelijkaardig aan het nieuwe aanvullend plan zoals hierboven beschreven.

Het pensioenplan conform de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst in de chemische sector is gebaseerd op 'bijdragen' (1) die aan de hand van leeftijdsgebonden factoren worden omgezet naar individuele pensioenrechten. De werknemers dragen bij in dit plan via uitgestelde compensatie. In Duitsland verstrekt Agfa in mindere mate beloningen die voortvloeien uit plannen afkomstig van vroegere acquisities. In deze plannen worden er geen rechten meer opgebouwd.

De verplichting in Duitsland wegens toegezegdpensioenregelingen omvat tevens pensioenplannen die volledig zijn gebaseerd op uitgestelde compensatiemodellen. De rechten, opgebouwd onder deze plannen, worden berekend op het bedrag per begunstigde dat jaarlijks wordt uitgesteld, vertaald naar pensioenrechten waarbij in sommige situaties rekening wordt gehouden met vooraf bepaalde jaarlijkse toenamen van deze rechten.

Voor een deel van het personeel, namelijk de 'HealthCare IT'-werknemers, bestaan er pensioenplannen die door verschillende externe fondsen (Pensionskassen) worden beheerd. Deze plannen worden vooral gefinancierd via uitgestelde compensatiemodellen die boekhoudkundig als toegezegdebijdrageregelingen worden verwerkt.

Bijkomend wordt aan het management van HealthCare IT in Duitsland een plan gebaseerd op het pensioengerechtigd salaris verstrekt. Het betreft een congruent gefinancierd collectieve pensioenregeling (kongruent rückgedeckte Unterstützungskasse).

Zowel de plannen waarin geen nieuwe rechten worden opgebouwd als deze waarin werknemers nog wel pensioenrechten opbouwen, stellen de Onderneming bloot aan actuariële risico's zoals het interestrisico, het risico op indexatie van pensioenuitkeringen en het 'longevity'-risico.

De kosten voor hiervoor genoemde Duitse toegezegdebijdrageregelingen zijn begrepen in het bedrag zoals weergegeven onder toelichting 13.1 voor de 'materiële landen'.

Verenigd Koninkrijk

Vanaf 2010 kunnen er geen rechten meer worden opgebouwd onder het 'Agfa UK pension plan'. Dit plan wordt gefinancierd via bijdragen betaald door de deelnemende werkgevers. Per jaareinde 2018 en 2019 zijn dit Agfa-Gevaert NV, Agfa HealthCare UK Ltd. en Agfa Graphics Ltd. De leden van het plan komen in aanmerking voor een vergoeding, bepaald via een formule op basis van een gemiddeld eindsalaris. Vanaf de leeftijd van 55 jaar kunnen rechten, opgebouwd in dit plan, gedeeltelijk via een vast bedrag worden uitbetaald waarbij het restant wordt betaald via maandelijkse uitkeringen.

Wanneer de personeelsbeloning voor de normale pensioenleeftijd van 65 jaar wordt opgenomen is er een actuariële aanpassing van de waarde van de personeelsbeloning.

Leden die uitgestelde rechten hebben opgebouwd, maken aanspraak op een verhoging van hun rechten tot op het ogenblik van pensionering ten belope van de inflatie, berekend op basis van de CPI (index van consumptieprijzen).

Pensioenuitkeringen nemen toe in lijn met de RPI (index van de kleinhandelsprijzen) met een minimum toename van 3% en een maximum toename van 5%. Naast een inflatierisico is de Onderneming onderhevig aan actuariële risico's zoals het beleggingsrisico, het interestrisico en het 'longevity'-risico.

De toegezegdpensioenregeling wordt beheerd via een trust waarbij de beslissingsbevoegdheid genomen wordt door de Raad van Bestuur van de trust. Zij hebben de plicht om uitsluitend te handelen in de beste belangen van de begunstigden conform de regels van de trust en de wetgeving in het Verenigd Koninkrijk.

De financieringsvereisten worden bepaald op basis van een actuariële waardering die elke drie jaar wordt uitgevoerd conform de wettelijke bepalingen en veronderstellingen die in dit verband worden voorgeschreven. Bovendien wordt over de veronderstellingen een akkoord gesloten tussen de Onderneming en de trustees. Volgens de meest recente waardering in het kader van de financieringsvereisten, welke in 2016 heeft plaats gevonden, heeft Agfa in januari 2017 met de trustees een overeenkomst bereikt om 48 vaste kwartaalbijdragen te betalen voor de volgende 12 jaar, beginnend vanaf 1 januari 2017.

Gedurende december 2018 werd een Enhanced Transfer Value (ETV)-oefening uitgevoerd. De wetgeving in het Verenigd Koninkrijk laat toe dat niet-actieve leden van een toegezegdpensioenregeling de voor hen opgebouwde uitgestelde rechten kunnen overdragen naar een andere pensioenregeling met een derde partij. Het bedrag dat bij dergelijke verrichting wettelijk moet worden uitbetaald wordt het 'Cash Equivalent Transfer Value (CETV)' genoemd. Bij een ETV (Enhanced Transfer Value) verrichting wordt aan de leden een extra betaling bovenop de CETV aangeboden. Deze transactie heeft geresulteerd in een bijkomende uitgave vanuit de fondsbeleggingen van 5 miljoen euro in december 2018 en 33 miljoen euro in januari 2019.

Verenigde Staten

Vanaf 2009 kunnen er geen rechten meer worden opgebouwd onder het 'Agfa Corporation Pension Plan'. Agfa Corporation, Agfa HealthCare Corporation, Agfa Materials Corporation, Agfa Finance Corporation en Agfa US Corporation zijn deelnemende werkgevers in voornoemd plan.

De begunstigden van het plan maken aanspraak op een vergoeding bepaald via een formule op basis van een gemiddeld eindsalaris. Deze gesloten toegezegdpensioenregeling stelt de Onderneming bloot aan actuariële risico's zoals het beleggingsrisico, het interestrisico en het 'longevity'-risico.

De activa van de toegezegdpensioenregeling worden beheerd via een trust. De Raad van Bestuur van Agfa Corporation, de entiteit die verantwoordelijk is voor het betalen van de bijdragen voor het plan, delegeert beleggingsbeslissingen evenals het toezicht op de beleggingen aan een lokaal beleggingscomité, het 'Benefits Plan Investment Committee (BPIC)'. De leden van het BPIC zijn ertoe gehouden uitsluitend in de beste belangen van de begunstigden te handelen, in overeenstemming met de trustovereenkomst en de wetgeving in de Verenigde Staten van Amerika. Het wettelijke en regulerend kader voor de plannen is gebaseerd op de toepasbare wetgeving in de Verenigde Staten van Amerika, zijnde de 'US legislation Employee Retirement Income Security Act (ERISA)'. Op basis van deze wetgeving wordt, in het kader van de financieringsvereisten, jaarlijks een waardering opgemaakt.

In dit plan zijn er geen persoonlijke bijdragen van de leden voorzien. De verantwoordelijke werkgever van het plan en de deelnemende werkgevers betalen bijdragen voor het plan in de mate dat dit noodzakelijk is – conform actuariële berekeningen – om de vergoedingen te kunnen uitkeren aan de leden van het plan. Minimale bijdragen zijn gebaseerd op de vereisten zoals bepaald door de 'Employee Retirement Income Security Act' (ERISA) van 1974 en de 'Pension Protection Act (PPA)' van 2006. Volgens de PPA zijn de actuarissen ertoe gehouden om elk jaar het financieringspercentage van het plan te certificeren. Deze certificatie is gebaseerd op de actuariële veronderstellingen zoals opgelegd door het IRS (Federale Belastingdienst van de Verenigde Staten). Op 1 juli 2019 certificeerde de actuaris het financieringspercentage op 82,42% (80,34% voor 2018).

In de loop van 2018 werden pensioenschulden voor gepensioneerden van het 'Agfa Corporation Pension Plan' afgewikkeld via een eenmalige uitkering uit fondsbeleggingen ten bedrage van 26 miljoen euro (31 miljoen USD). De mogelijkheid voor gepensioneerden van het 'Agfa Corporation Pension Plan' om in 2019 hun rechten éénmalig af te kopen heeft geresulteerd in een daling van de fondsbeleggingen en brutoverplichtingen ten bedrage van 116 miljoen Euro en de erkenning van een winst uit beëindiging van deze regeling van 1 miljoen.

13.2.3 Wijziging in de nettoverplichting en haar componenten

Onderstaande drie tabellen geven de aansluiting van de openingswaarden naar de slotwaarden van zowel de nettoverplichting als haar componenten weer.

Evolutie gedurende 2018 en 2019 van de nettoverplichtingen

2018 2019
MILJOEN EURO Pensioenregelingen
(exclusief Belgische
DC-plannen)
plannen met gewaar
borgd rendement
Belgische DC
TOTAAL Pensioenregelingen
(exclusief Belgische
DC-plannen)
gewaarborgd
Belgische DC
plannen met
rendement
TOTAAL
Nettoverplichting op 1 januari 1.078 2 1.080 1.001 5 1.006
Pensioenkosten weergegeven in de
winst- en verliesrekening
45 14 59 42 14 56
Totaal herwaarderingen opgenomen in
'Niet-gerealiseerde resultaten'
(29) 2 (27) 126 5 131
Uitgaande kasstromen
Werkgeversbijdragen (56) (13) (69) (67) (16) (83)
Uitkeringen rechtstreeks betaald
door de Onderneming
(42) (42) (41) (41)
Valutakoersverschillen 5 5 7 7
Nettoverplichting op 31 december 1.001 5 1.006 1.068 9 1.077

De bijdragen voor 2018 en 2019 zijn beïnvloed door éénmalige uitkeringen in de VS (25 miljoen Euro in 2018 en 27 miljoen Euro in 2019) en in het Verenigd Koninkrijk (9 miljoen Euro in 2019), voornamelijk met het oog op het behoud van het financieringspercentage na transacties in de VS (éénmalige afwikkeling) en VK (ETV oefening).

Totale pensioenkost van de periode 2018 en 2019

2018 2019
MILJOEN EURO Pensioenregelingen
(exclusief Belgische
DC-plannen)
Belgische DC-plannen
met gewaarborgd
rendement
TOTAAL Pensioenregelingen
(exclusief Belgische
DC-plannen)
Belgische DC-plannen
met gewaarborgd
rendement
TOTAAL
Aan de diensttijd toewijsbare pensioenkost
Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten,
exclusief werknemersbijdragen
Pensioenkosten van verstreken diensttijd
20
1
14
-
35
1
20
-
14
-
34
-
(Winsten)/verliezen uit belangrijke inperking/
beëindiging van de regelingen
- - - (1) - (1)
Totaal aan de diensttijd toewijsbare pensioenkost 21 14 36 20 14 33
Nettofinancieringskost
Interestkosten 48 3 51 46 3 50
Interestinkomen op fondsbeleggingen (26) (3) (29) (25) (3) (28)
Totale nettofinancieringskost 22 - 22 21 - 21
Administratieve kosten en belastingen 1 - 1 1 - 1
PENSIOENKOSTEN WEERGEGEVEN IN DE WINST
EN VERLIESREKENING
45 14 59 42 14 56
Actuariële verliezen (winsten)
Aanpassingen aan de verplichtingen van de regelingen – verliezen
(winsten) – op grond van ervaring (10) (16) (26) 2 (4) (2)
Demografische veronderstellingen (11) - (11) (6) - (6)
Financiële veronderstellingen (74) (1) (75) 225 11 237
Rendement op fondsbeleggingen excl. interestinkomen 66 19 85 (95) (2) (97)
TOTAAL HERWAARDERINGEN BEGREPEN IN
DE 'NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN'
(29) 2 (27) 126 5 131
TOTALE PENSIOENKOST VAN DE PERIODE 16 16 33 168 19 188

De totale pensioenkost in 2019 van toegezegdpensioenregelingen voor de materiële landen van de Groep bedroeg een kost van 188 miljoen euro (2018: 33 miljoen euro). Van dit bedrag wordt 56 miljoen euro kost weergegeven in de winst- en verliesrekening van de Groep over 2019 (2018: 59 miljoen euro kost). Het saldo, zijnde een kost van 131 miljoen euro voor 2019 (voor 2018 een positief effect van 27 miljoen euro) wordt opgenomen in de 'Niet-gerealiseerde resultaten' onder 'Herwaardering van de nettoverplichting'. Deze herwaardering vloeit voort uit wijzigingen in demografische en financiële veronderstellingen en aanpassingen op grond van ervaring, welke hun oorsprong vinden in zowel de verplichtingen als de fondsbeleggingen van toegezegdpensioenregelingen. Details worden hierna weergegeven.

In 2018 omvat de pensioenkost voor de materiële landen van de Groep een pensioenkost van verstreken diensttijd van 1 miljoen euro die in de winst- en verliesrekening werd erkend met betrekking tot het Agfa UK pensioenplan als gevolg van de gelijktrekking tussen man en vrouw van het gewaarborgd minimumpensioen.

In 2019 werd ten belope van 1 miljoen euro winsten uit belangrijke inperking/beëindiging van de regelingen erkend, voornamelijk toewijsbaar aan het project voor éénmalige afkoop van pensioenrechten onder het 'Agfa Corporation Pension Plan'.

Evolutie in 2018 en 2019 van de contante waarde van de brutoverplichtingen, de fondsbeleggingen en de financiering ervan De contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen, de fondsbeleggingen en de financiering van de regelingen in de materiële landen worden hierna weergegeven.

2018 2019
MILJOEN EURO clusief Belgische
regelingen (ex
DC-plannen)
Pensioen
DC-plannen met
gewaarborgd
rendement
Belgische
TOTAAL clusief Belgische
regelingen (ex
DC-plannen)
Pensioen
DC-plannen met
gewaarborgd
rendement
Belgische
TOTAAL
Wijziging in de contante waarde van de brutoverplichting
Contante waarde van de brutoverplichting op 1 januari 2.110 195 2.306 1.970 183 2.153
Aan de diensttijd toewijsbare pensioenkost
Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten,
exclusief werknemersbijdragen
20 14 35 20 14 34
Pensioenkosten van verstreken diensttijd 1 - 1 0 - 0
Belangrijke inperking/beëindiging van de regelingen - - - (1) - (1)
Interestkosten 48 3 51 46 3 50
Uitgaande kasstromen
Uitkeringen (127) (14) (141) (247) (9) (256)
Werknemersbijdragen - 1 1 0 1 1
Betaalde premies - - - - - -
Herwaarderingen
Effect van demografische veronderstellingen (11) - (11) (6) - (6)
Effect van financiële veronderstellingen (74) (1) (75) 226 11 237
Effecten op grond van ervaring (10) (16) (26) 2 (4) (2)
Valutakoersverschillen 13 - 13 31 - 31
Contante waarde van de brutoverplichting
op 31 december
1.970 183 2.153 2.041 200 2.241
Wijziging in fondsbeleggingen
Reële waarde van fondsbeleggingen op 1 januari 1.033 193 1.225 969 178 1.147
Interestinkomen 26 3 29 25 3 28
Werkgeversbijdragen 98 13 111 109 16 124
Werknemersbijdragen - 1 1 - 1 1
Uitkeringen (127) (14) (141) (247) (9) (256)
Administratieve kosten en belastingen (2) - (2) (2) - (2)
Betaalde premies - - - - - -
Uitgaande transferten - - - - - -
Rendement op fondsbeleggingen excl. interestinkomen (65) (19) (85) 96 2 97
Valutakoersverschillen 8 - 8 23 - 23
Reële waarde van fondsbeleggingen op 31 december 969 178 1.147 973 191 1.164
Financieringspositie op 31 december
Financieringspositie 1.001 5 1.006 1.068 9 1.077
Effect van vermogensplafond - - - - - -
Nettoverplichting op 31 december 1.001 5 1.006 1.068 9 1.077

Op 31 december 2019 bedroeg de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen – exclusief de toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement – voor de Groep 2.041 miljoen euro (1.970 miljoen euro op 31 december 2018), waarvan 1.303 miljoen euro (1.284 miljoen euro op 31 december 2018) betrekking heeft op geheel of gedeeltelijk gefinancierde toegezegdpensioenregelingen en de overige 738 miljoen euro (686 miljoen euro op 31 december 2018) betrekking heeft op ongefinancierde toegezegdpensioenregelingen.

Het financieringstekort voor de Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement bedroeg op 31 december 2019 9 miljoen euro (5 miljoen euro op 31 december 2018). Het financieringstekort voor deze plannen is gelijk aan het verschil tussen de contante waarde van de brutoverplichtingen (DBO) ten bedrage van 200 miljoen euro (183 miljoen euro op 31 december 2018) en de fondsbeleggingen ten bedrage van 191 miljoen euro (178 miljoen euro op 31 december 2018). De verplichtingen uit hoofde van het Top Performance Plan en de Groepsverzekering voor kaderleden en uitvoerende bestuursleden vertegenwoordigen op 31 december 2019 samen 89% van de totale DBO (89% op 31 december 2018) terwijl het financieringstekort nagenoeg volledig toewijsbaar is aan het Top Performance Plan. Algemene informatie rond de toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement evenals de karakteristieken van deze plannen wordt verstrekt onder 13.3.1.

In 2018 bedroegen de uitkeringen voor de materiële landen van de Groep 141 miljoen euro en omvatten 26 miljoen euro uitkeringen voor een project rond de eenmalige afwikkeling van pensioenverplichtingen betreffende het 'Agfa Corporation Pension Plan' in de VS en 5 miljoen euro uitkeringen voor het ETV-project betreffende het 'Agfa UK pensioenplan'.

De uitkeringen in 2019 bedroegen 256 miljoen euro waarvan 149 miljoen met betrekking tot belangrijke inperkingen/beëindigingen van regelingen, zijnde voor 33 miljoen euro in het VK en 116 miljoen euro in de VS.

Historiek van de fondsbeleggingen, contante waarde van de brutoverplichting, overschot/tekort van de pensioenregelingen voor de periode 2015 tot 2019

MILJOEN EURO 31 december
2015
31 december
2016
31 december
2017
31 december
2018
31 december
2019
Reële waarde van fondsbeleggingen 1.156 1.227 1.225 1.147 1.164
Contante waarde van de brutoverplichting 2.245 2.410 2.306 2.153 2.241
Overschot (Tekort) van de regelingen (1.089) (1.183) (1.080) (1.006) (1.077)

13.2.4 Contante waarde van de brutoverplichtingen - Belangrijke actuariële veronderstellingen op rapporteringsdatum

De verplichtingen en pensioenkost van de periode met betrekking tot toegezegdpensioenregelingen van de Groep worden bepaald door gebruik te maken van actuariële waarderingen die gebaseerd zijn op actuariële veronderstellingen. Op het einde van de boekjaren 2018 en 2019, werden volgende belangrijke actuariële veronderstellingen (gewogen gemiddelden) gebruikt.

31 december 2018 31 december 2019
Disconteringsvoet 2,51% 1,60%
Toekomstige verhoging van lonen/salarissen 2,26% 3,02%

De hierboven weergegeven gemiddelde disconteringsvoeten en de stijging van de lonen/salarissen worden bepaald op basis van de actuariële veronderstellingen welke toegepast worden in de verschillende toegezegdpensioenregelingen van de materiële landen van de Groep, gewogen op basis van de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van betreffende toegezegdpensioenregelingen. De disconteringsvoeten worden bepaald op basis van het marktrendement op balansdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid, die een kredietrating van minstens AA van een belangrijk ratingagentschap toegewezen krijgen, met een resterende looptijd die consistent is met de geschatte looptijd van de verplichtingen.

Gewogen gemiddelde duratie

De Groep heeft de gewogen gemiddelde duratie bepaald door de gemiddelde duraties te nemen berekend via sensitiviteitsanalyse +25bps en -25bps op de disconteringsvoet voor de pensioenplannen van de materiële landen van de Groep. Op 31 december 2019 bedraagt de gewogen gemiddelde duratie 13 jaar (13 jaar op 31 december 2018).

Sensitiviteitsanalyse

Onderstaande tabel geeft de sensitiviteit weer van een verandering in bepaalde veronderstellingen op 31 december 2019 met betrekking tot de pensioenregelingen van de materiële landen van de Groep:

MILJOEN EURO Impact op de contante
waarde van de verplichtingen
op 31 december 2018
Impact op de contante
waarde van de verplichtingen
op 31 december 2019
Daling in disconteringsvoet met 25 basispunten 71 75
Stijging in disconteringsvoet met 25 basispunten (65) (71)
Verbetering in de sterftetafel waarbij wordt verondersteld
dat werknemers één jaar langer leven 54 63
Verslechtering in de sterftetafel waarbij wordt verondersteld
dat werknemers één jaar minder leven (51) (61)

13.2.5 Fondsbeleggingen

Reële waarde van fondsbeleggingen onderverdeeld naar belangrijkste categorieën

De reële waarde van fondsbeleggingen onderverdeeld naar belangrijkste categorieën van de materiële landen van de Groep omvatten:

MILJOEN EURO 31 december 2018 31 december 2019
Geldmiddelen, kasequivalenten en overige 33 27
Aandelen 322 247
Rentedragende instrumenten 604 693
Fondsbeleggingen bij verzekeraars (1) 188 197
TOTAAL 1.147 1.164

(1) Toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement.

95% van de aandelen en rentedragende instrumenten werden belegd volgens de principes van passief beheer (index tracking). De reële waarde van fondsbeleggingen omvat per jaareinde 2018 en 2019 geen aandelen of rentedragende instrumenten van de Onderneming of haar dochterondernemingen.

13.3.6 Verwachte pensioenkosten en kasstromen voor 2020

De Groep verwacht dat de pensioenkost op te nemen in de winst- en verliesrekening voor de materiële landen voor 2020 in totaal 54 miljoen euro zal bedragen. Dit bedrag is exclusief de kost voor de toegezegdebijdrageregelingen in België en omvat voor 40 miljoen euro aan het dienstjaar toegerekende pensioen-, administratiekosten en belastingen (waarvan 15 miljoen euro betrekking heeft op Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement) en 15 miljoen euro interestkost op de nettoverplichting.

Voor het boekjaar 2020 verwacht de Groep 81 miljoen euro bij te dragen voor haar materiële pensioenregelingen. Dit bedrag houdt geen rekening met 14 miljoen euro verwachte premiebetalingen voor de toegezegdebijdrageregelingen in België.

De uitgaande kasstroom voor 2019 die 108 miljoen euro bedroeg exclusief de premiebetalingen voor de toegezegdebijdrageregelingen in België omvatten werkgeversbijdragen ten belope van 67 miljoen euro en 41 miljoen euro uitkeringen die rechtstreeks door de Onderneming werden betaald. De verwachte uitgaande kasstroom voor 2020 bedraagt dus 27 miljoen euro minder dan in 2019.

14. LANGETERMIJNONTSLAGVERGOEDINGEN

Langetermijnontslagvergoedingen zijn het gevolg van de verplichting van de Groep om hetzij de tewerkstelling voor de normale pensioenleeftijd te beëindigen, hetzij om een ontslagvergoeding te betalen als gevolg van een aanbod ter aanmoediging van vrijwillige pensionering. Op 31 december 2019 bedroeg de langetermijnontslagvergoeding 12 miljoen euro (20 miljoen euro op 31 december 2018) en betrof hoofdzakelijk afvloeiingspremies afgesproken met werknemers in het kader van vervroegde pensionering. Deze regelingen betreffen werknemers van de Belgische ondernemingen van de Groep.

15. OP AANDELEN GEBASEERDE BETALINGEN

Op 1 maart 2016 creëerde de Groep een op aandelen gebaseerd betalingstransactieplan dat in geldmiddelen afgewikkeld wordt, voor welbepaalde deelnemers aangeduid door de Raad van Bestuur. Deelnemers tot het plan worden 'share appreciation rights' toegekend, op grond waarvan zij recht hebben op een toekomstige cash bonus gebaseerd op de stijging van de aandelenprijs van de Groep op Euronext Brussel over een referentieperiode van drie jaar.

In totaliteit zijn er 657.000 'stock appreciation rights' toegekend aan de deelnemers van het plan, die voorwaardelijk worden over een periode van drie jaar met ingang van 1 maart 2016. De reële waarde van de toegekende rechten wordt berekend volgens het Black & Scholes-model op elke afsluitdatum. De berekende reële waarde wordt geboekt als verplichting met veranderingen in de reële waarde geboekt in de winst- en verliesrekening (2019: -0,1 miljoen euro; 2018: 0,2 miljoen euro).

Op 31 december 2019 waren er geen uitstaande op aandelen gebaseerde betalingen.

16. OVERIGE PERSONEELSBELONINGEN

De opsplitsing tussen kortlopende en langlopende overige personeelsbeloningen is voorgesteld in de onderstaande tabel:

MILJOEN EURO 2018 2019
Langlopende personeelsbeloningen 13 12
Kortlopende personeelsbeloningen
Verplichtingen voor sociale bijdragen 26 26
Te betalen lonen 9 3
Overige kortlopende personeelsbeloningen 98 101
TOTAAL 146 142

Overige langetermijnpersoneelsbeloningen hebben betrekking op een plan inzake langdurige invaliditeit in de VS, de plannen 'Jubilee' en Pensionsurlaub' in Duitsland en sommige andere vergoedingen wegens langediensttijd. Op 31 december 2019 bedroeg de totale verplichting uit overige lange termijn personeelsbeloningen 12 miljoen euro (13 miljoen euro op 31 december 2018).

Overige kortetermijnpersoneelsbeloningen omvatten verplichtingen met betrekking tot het personeelsbestand in ruime zin, zijnde verplichtingen voor vakantiegeld en flexi-tijdoverschot, verzekering van loon en salaris in geval van ziekte betaalbaar binnen de 12 maanden, korte termijn vergoedingen voor arbeidsongeschiktheid, bonus vergoedingen en andere betalingen inzake overeenkomsten voor winstdeelname.

BELASTINGEN

17. WINSTBELASTINGEN

De Groep is onderworpen aan winstbelastingen in een groot aantal rechtsgebieden. Er bestaan onzekerheden betreffende de interpretaties van complexe fiscale regelgevingen in de respectieve landen. De Groep erkent verplichtingen voor elementen die tijdens een belastingcontrole mogelijk op de voorgrond kunnen treden, gebaseerd op aanvaardbare schattingen betreffende het al dan niet verschuldigd zijn van bijkomende belastingen, waarbij diverse factoren in aanmerking worden genomen zoals ervaring met vorige belastingcontroles en afwijkende interpretaties tussen enerzijds de entiteit die wordt belast en de belastingautoriteit. Verschillen die ontstaan tussen reële resultaten en gemaakte assumpties of toekomstige veranderingen aan dergelijke assumpties kunnen aanpassingen aan de belastinglast van toekomstige periodes noodzakelijk maken.

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de winstbelastingen volgens aard:

MILJOEN EURO 2018 2019
Betaalde of verschuldigde winstbelastingen 32 29
Met betrekking tot dit boekjaar 40 30
Met betrekking tot voorgaande boekjaren (7) -
Uitgestelde winstbelastingen 1 (1)
Met betrekking tot tijdelijke verschillen (1) (4)
Met betrekking tot niet-gecompenseerde fiscale verliezen
en ongebruikte fiscale verrekenbare tegoeden
2 3
Winstbelastingen 34 28

Uitgestelde winstbelastingen bedragen 1 miljoen euro (opbrengst), in vergelijking met een kost van 1 miljoen euro voorgaand jaar. De belangrijkste componenten van de winstbelastingen worden afzonderlijk toegelicht in de tabel die de aansluiting weergeeft tussen het gemiddelde effectieve belastingtarief en het toepasselijke belastingtarief in toelichting 17.3.2.

17.1 ACTUELE VORDERINGEN EN VERPLICHTINGEN UIT WINSTBELASTINGEN

Per 31 december 2019 bedragen actuele vorderingen uit winstbelastingen 75 miljoen euro, waarvan meer dan 50% betrekking heeft op belastingkrediet voor onderzoek en ontwikkeling. Dit bedrag omvat een onzekere belastingvordering van 1,6 miljoen euro, gerelateerd aan een lopende fiscale procedure.

Actuele verplichtingen uit winstbelastingen bedragen 49 miljoen euro, waarvan 16,8 miljoen euro onzekere belastingschulden. Van deze onzekere belastingschulden is 5,9 miljoen euro gerelateerd aan lopende belastingaudits, procedures en geschillen in verschillende jurisdicties. De resterende 10,9 miljoen euro aan onzekere belastingschulden betreft mogelijke herzieningen van transferprijzen. Hoewel de Groep overtuigd is dat alle intragroep transacties marktconform en gedocumenteerd zijn verlopen, worden transferprijzen continu onderworpen aan nauwkeurig onderzoek door fiscale overheden wereldwijd. Sommige onderhandelingen met fiscale overheden kunnen leiden tot dubbele belasting, waarbij de uitkomst van procedures alsnog een negatieve impact kan hebben op de uiteindelijke belastingkost.

Actuele winstbelastingen voor de huidige en voorgaande periodes, in de mate dat ze nog niet betaald zijn, zijn erkend als een verplichting. Indien het bedrag, reeds betaald met betrekking tot de huidige en voorgaande periodes, groter is dan het bedrag verschuldigd voor die periodes, is het verschil erkend als een vordering.

Actuele vorderingen uit winstbelastingen en actuele verplichtingen uit winstbelastingen worden gecompenseerd als ze betrekking hebben op winstbelastingen geheven door dezelfde belastingautoriteit en als ze bestemd zijn om te worden afgewikkeld op een netto basis.

De Groep meent op grond van de beoordeling van talrijke factoren, zoals hierboven uitgelegd, dat de opgenomen belastingverplichtingen toereikend zijn voor alle nog openstaande belastingjaren.

17.2 UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN

Uitgestelde belastingvorderingen zijn de bedragen van de winstbelastingen die terugvorderbaar zijn in toekomstige periodes met betrekking tot aftrekbare tijdelijke verschillen, niet-gecompenseerde fiscale verliezen en ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden. Uitgestelde belastingvorderingen worden erkend wanneer er voldoende zekerheid is over de beschikbaarheid van toekomstige belastbare winsten om de tijdelijke verschillen, niet-gecompenseerde fiscale verliezen en ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden te kunnen gebruiken.

De Groep beoordeelt op geregelde tijdstippen de realiseerbaarheid van haar uitgestelde belastingvorderingen, voornamelijk op basis van de langetermijnplanning voor de bedrijfssegmenten Offset Solutions, Digital Print & Chemical, Radiology Solutions en HealthCare IT en rekening houdend met de winsten uit het verleden en geschatte toekomstige fiscale winsten van de betreffende geconsolideerde entiteiten. Andere parameters zoals het verwachte tijdstip van de afwikkeling van bestaande tijdelijke verschillen en strategieën betreffende planning van de fiscale winst worden eveneens bij deze beoordeling in aanmerking genomen.

Belangrijke wijzigingen aan bedrijfsplannen en/of goederen- en dienstenstromen die de fiscale winsten of verliezen van bepaalde entiteiten van de Groep beïnvloeden, kunnen een impact hebben op de realisatie van uitgestelde belastingvorderingen. Verschillen die ontstaan tussen reële resultaten en gemaakte assumpties of toekomstige veranderingen aan dergelijke assumpties, kunnen resulteren in het tegenboeken van bepaalde uitgestelde belastingvorderingen wat aanleiding geeft tot een verhoogd effectief belastingtarief voor de Groep. Uitgestelde belastingverplichtingen zijn de bedragen van de winstbelastingen die verschuldigd zijn in toekomstige periodes met betrekking tot belastbare tijdelijke verschillen.

Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden gecompenseerd als ze betrekking hebben op winstbelastingen geheven door dezelfde belastingautoriteit.

31 december 2018 31 december 2019
MILJOEN EURO Activa Verplichtingen Netto Activa Verplichtingen Netto
Immateriële activa en goodwill 31 26 4 29 20 9
Materiële vaste activa 8 11 (3) 14 11 3
Recht-op-gebruik activa - - - - 29 (29)
Geassocieerde deelnemingen en Financiële vaste activa - 3 (3) - 3 (3)
Voorraden 22 1 21 21 1 20
Handelsvorderingen - - - 2 4 (2)
Voorzieningen en verplichtingen wegens vergoedingen
na uitdiensttreding
38 1 37 48 2 46
Leaseverplichtingen - - - 30 - 30
Andere vlottende activa & overige verplichtingen - 1 (1) 3 5 (2)
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen
met betrekking tot tijdelijke verschillen
98 42 55 146 75 71
Niet-gecompenseerde fiscale verliezen 35 - 35 33 - 33
Ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden 2 - 2 1 - 1
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen
voor saldering
135 42 92 181 75 106
Saldering (20) (20) - (58) (58) -
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen 114 22 92 122 17 106

De uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen kunnen als volgt worden toegewezen:

De beweging in tijdelijke verschillen gedurende 2018-2019 wordt toegelicht in toelichting 17.4.

Per 31 december 2019 bedragen de netto uitgestelde belastingvorderingen 106 miljoen euro. Hiervan is meer dan 30% gerelateerd aan de divisie HealthCare IT, waarbij de vordering berekend is op basis van het lange termijn businessplan voor deze divisie de komende acht jaar. De resterende belastingvordering heeft voornamelijk betrekking op de toegezegdpensioenregeling in Duitsland (voor 25%), voornamelijk met betrekking tot actieve medewerkers, en daarnaast wordt een uitgestelde belastingvordering gerekend op de eliminatie van intragroepswinsten op voorraden (voor 10%).

Voor de niet-gecompenseerde fiscale verliezen, de ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden en tijdelijke verschillen werden geen uitgestelde belastingvorderingen opgenomen voor onderstaande bedragen omdat het niet waarschijnlijk is dat er toekomstige fiscale winst beschikbaar zal zijn waarmee deze kunnen worden verrekend:

  • niet-gecompenseerde fiscale verliezen: 239 miljoen euro (2018: 215 miljoen euro);
  • ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden: 18 miljoen euro (2018: 18 miljoen euro);
  • tijdelijke verschillen: 199 miljoen euro (2018: 186 miljoen euro).

De herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregeling (IAS 19R) heeft een belangrijk effect op de niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen op tijdelijke verschillen.

De impact van de betreffende wijziging bevindt zich in entiteiten waarvoor het management van de Groep geoordeeld heeft dat er onvoldoende zekerheid is dat de betreffende belastingbesparing zal kunnen gerealiseerd worden.

De niet-opgenomen uitgestelde belastingvordering met betrekking tot de impact van de aanpassing van IAS 19 in 2011 en de daaropvolgende herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregeling bedraagt 140 miljoen euro en zou een impact hebben in de niet-gerealiseerde resultaten indien opgenomen.

De impact van de uitgestelde belastingvordering op de ongebruikte tijdelijke verschillen, de ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden en de niet-gecompenseerde fiscale verliezen vervalt als volgt:

MILJOEN EURO Tijdelijke verschillen Fiscale verliezen Belastingkredieten TOTAAL
Vervalt in:
2020 - - - -
2021 - - - -
2022 - - - -
2023 - - - -
2024 - - - -
na 2024 - 21 - 22
zonder vervaldatum 199 217 18 433
TOTAL 199 239 18 456

17.3 RELATIE TUSSEN WINSTBELASTINGEN EN WINST (VERLIES) VOOR BELASTINGEN 17.3.1 Samenvatting 2018 en 2019

MILJOEN EURO 2018 2019
Winst (verlies) voor belastingen 19 (20)
Winstbelastingen 34 28
Belastingtarief 181,07% -135,92%

17.3.2 Aansluiting tussen het gemiddelde effectieve belastingtarief en het toepasselijke belastingtarief 2018 en 2019

MILJOEN EURO 2018 2019
Winst (verlies) voor belastingen 19 (20)
Het product van het resultaat voor belastingen en het toepasselijke belastingtarief 5 (7)
Toepasselijke belastingtarief (1) 27,49% 35,34%
Fiscaal niet aftrekbare lasten 12 6
Impact van fiscaal verrekenbare tegoeden en andere verminderingen van
de belastbare basis
(9) (4)
Fiscale verliezen van het huidige jaar waarvoor geen uitgestelde belastingvordering
werd opgenomen
47 31
Impact gebruikte fiscale verliezen waarvoor in het verleden geen uitgestelde
belastingvordering werd opgenomen
(1) -
Uitgestelde belastingvorderingen erkend op verliezen van vorige jaren - -
Tegenboeking van aftrekbare tijdelijke verschillen waarvoor geen uitgestelde
belastingvordering werd erkend
(20) (11)
Roerende voorheffing 1 2
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill en overige activa waarvoor geen
uitgestelde belastingvordering werd erkend
- 11
Impact van wijzigingen in belastingtarieven - 1
Overige (2) 0
Winstbelastingen 34 28
Gemiddelde effectieve belastingtarief 181,07% -135,92%

(1) Het toepasselijke belastingtarief is het gewogen gemiddelde belastingtarief van de Onderneming en al haar geconsolideerde dochterondernemingen.

17.4 BEWEGING IN TIJDELIJKE VERSCHILLEN GEDURENDE 2018-2019

MILJOEN EURO 31 december 2017 Wijziging in consolidatiekring Verschillen opgenomen in
winst- en verliesrekening
Opgenomen in het eigen
vermogen
Valutakoersverschillen 31 december 2018 accounting standaard
Wijziging in
PPA aanpassingen
(zie toelichting 19)
Verschillen opgenomen in
winst- en verliesrekening
Opgenomen in het
eigen vermogen
Valutakoersverschillen 31 december 2019
Immateriële activa en goodwill 16 (6) (6) - - 4 - 4 - - - 9
Materiële vaste activa (4) - 1 - - (3) - - 6 - - 3
Recht-op-gebruik activa - - - - - - (29) - - - - (29)
Financiële vaste activa Geassocieerde deelnemingen en - - (3) - - (3) - - - - - (3)
Voorraden 16 - 5 - - 21 - - (2) - - 20
Vorderingen 1 - (1) - - - - - (2) - - (2)
Voorzieningen en verplichtingen wegens
vergoedingen na uitdiensttreding
30 - 7 - - 37 - - 1 8 - 46
Leaseverplichtingen - - - - - - 29 - 1 - - 30
Andere vlottende activa &
overige verplichtingen
(6) - (1) 5 - (1) - - (1) - - (2)
tot tijdelijke verschillen Uitgestelde belastingvorderingen
en -verplichtingen met betrekking
53 (6) 1 5 - 55 - 4 4 8 - 71
Niet-gecompenseerde fiscale verliezen 37 - (2) - - 35 - - (1) - - 33
Ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden 4 - (1) - - 2 - - (1) - - 1
en -verplichtingen Uitgestelde belastingvorderingen 94 (6) (1) 5 - 92 - 4 1 8 - 106

De uitgestelde belastingvordering op de voorzieningen en verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding die opgenomen zijn in de niet-gerealiseerde resultaten hebben betrekking op de herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregeling (IAS 19R).

18. OVERIGE BELASTINGVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN

Overige belastingvorderingen bedragen 14 miljoen euro (2018: 25 miljoen euro) en overige belastingverplichtingen bedragen 27 miljoen euro (2018: 27 miljoen euro).

Overige belastingvorderingen en -verplichtingen hebben betrekking op overige belastingen, zoals BTW en andere indirecte belastingen. Overige belastingvorderingen en -verplichtingen worden gecompenseerd als ze betrekking hebben op belastingen geheven door dezelfde belastingautoriteit en er een wettelijk recht bestaat om te worden afgewikkeld op een nettobasis.

OVERNAMES EN AFSTOTINGEN

19. OVERNAMES

In de loop van 2019 heeft de Groep de overname van Ningbo Hongtai Medical Equipment Ltd., een toonaangevende distributeur van hardcopy film in China, afgerond. De overnameprijs bedroeg 5 miljoen euro. Deze overname vond gradueel plaats per geografische regio.

De overnames die plaatsvonden in voorgaande jaren hebben gedurende 2019 nog een effect gehad op de geconsolideerde balans en geconsolideerd kasstroomoverzicht. In het geconsolideerd kasstroomoverzicht bedragen de uitgaande kasstromen voor overnames 16 miljoen euro en hebben betrekking op de uitgaande kasstromen voor de acquisitie van Ningbo Hongtai Medical Equipment Ltd. (4 miljoen euro), de betaalde kasstromen met betrekking van de overnames van de overige toonaangevende distributeurs van hardcopy film in China (2 miljoen euro), een betaalde uitgestelde overnameprijs verbonden aan de overname van IPAGSA die plaatsvond in 2018 (8 miljoen euro) en aan de overname van BODONI uit 2017 (1 miljoen euro), en een aanpassing van de overnameprijs van de overname van Inovelan SA (0,5 miljoen euro).

De onderstaande tabellen tonen de uitgaande kasstromen per overname in 2019 en 2018, de totaal verworven identificeerbare nettoactiva en het bedrag aan erkende goodwill uit de overnames.

Overnames 2018

De overnames die plaatsvonden in 2018, zijnde Inovelan SA, IPAGSA en de overeenkomsten met de distributeurs van hardcopy film in China, hebben het volgende effect gehad op de geconsolideerde balans en het geconsolideerd kasstroomoverzicht:

MILJOEN EURO Toelichting Inovelan SA IPAGSA Medical Equipment
Ningbo Hongtai
Co. Ltd.
Development Co. Ltd.,
Chengguang Trading
Medical Equipment
Co. Ltd., Ruifeng
Ningbo Hongtai
International
Co. Ltd.
TOTAAL
Immateriële activa met beperkte looptijd
Verworven technologie 27 2 - - - 2
Verworven cliëntenrelaties 27 1 4 5 11 21
Merknamen 27 - 1 - - 1
Handelsvorderingen 2 - - 2
Voorraden - 8 - - 8
Kas en kasequivalenten 1 - - - 1
Overige verplichtingen (1) - - - (1)
Financiële verplichtingen (1) - - - (1)
Uitgestelde belastingschulden 17.4 (1) (1) (1) (3) (6)
Totaal identificeerbare
verworven activa
3 12 4 8 28
Op de overname erkende goodwill 27 6 1 1 3 12
Overnameprijs 9 13 5 11 40
waarvan uitgestelde overnameprijs - 10 1 2 13
Betaalde overnameprijs (9) (3) (5) (9) (26)
verworven kas en kasequivalenten 1 - - - 1
Nettokasstromen uit overnames (8) (3) (5) (9) (25)

Overnames 2019, inclusief de aanpassingen en kasstromen uit voorgaande overnames

De overname die plaatsvond in 2019 zijnde de overname van Ningbo Hongtai Medical Equipment Ltd., en de voormalige overnames van Inovelan SA, IPAGSA en BODONI Systems Ltd. hebben het volgende effect gehad op de geconsolideerde balans en het geconsolideerd kasstroomoverzicht:

MILJOEN EURO Toelichting Inovelan SA IPAGSA Ningbo Hongtai Medical
Equipment Co. Ltd.
International Development
Co. Ltd., Chengguang
Medical Equipment
Ningbo Hongtai
Co. Ltd., Ruifeng
Trading Co. Ltd.
Bodoni systems Ltd. TOTAAL
Immateriële activa met beperkte looptijd
Verworven technologie - - - - - -
Verworven cliëntenrelaties 27 - - 5 - - 5
Merknamen - - - - - -
Uitgestelde belastingschulden 17.4 - - 1 3 - 4
Totaal identificeerbare verworven activa - - 6 3 - 9
Op de overname erkende goodwill 27 1 - (1) (3) - (3)
Overnameprijs 1 - 5 - - 5
waarvan uitgestelde overnameprijs - - 1 - - 1
Nettokasstromen uit overnames (1) (8) (4) (2) (1) (16)
Winsten uit de herwaardering van de
uitgestelde aankoopprijs met betrekking
tot overnames (1)
10 - (2) - - (1) (3)

(1) Gedurende 2019 werd een deel van de uitgestelde overnameprijs met betrekking tot de overname van IPAGSA betaald (8 miljoen euro).

Het nog uitstaande deel van de uitgestelde overnamepijs werd in Overige financieringsbaten geboekt (2019: 2 miljoen euro) aangezien de vooropgestelde doelstellingen met betrekking tot de resultaten niet gehaald werden.

Gedurende 2019 werd er een deel van de uitgestelde overnameprijs van de overname van Bodoni Ltd (2017) uitbetaald (1 miljoen euro) en werd er een deel van de uitgestelde overnameprijs tegengedraaid (1 miljoen euro) omwille van het feit dat de vooropgestelde doelstellingen met betrekking tot te behalen resultaten niet gehaald werden.

De hieruit resulterende opbrengst werd geboekt in Overige financieringsbaten.

Overname van de distributeurs van hardcopy-film in China

In het tweede kwartaal van 2018, in het kader van een reorganisatie van de hardcopy-distributiekanalen van de business groep Agfa HealthCare, heeft de Groep de distributie en dienstverlening van Agfa producten in China voorheen uitgevoerd door Ningbo Hongtai Medical Equipment, geïntegreerd in haar eigen organisatie. De Groep heeft cliëntenrelaties overgenomen samen met een groot deel van het personeelsbestand van Ningbo Hongtai Medical Equipment wat de Groep in staat zal stellen om haar producten en gerelateerde diensten te verdelen in bepaalde gebieden in China. De overname van deze bedrijfsactiviteit vond gradueel plaats per geografisch gebied over een periode die startte in het eerste kwartaal van 2018 en eindigde in juni 2019.

In het derde kwartaal van 2018, eveneens in het kader van de reorganisatie van de hardcopy-distributiekanalen, heeft de Groep de distributie en dienstverlening van Agfa producten in China voorheen uitgevoerd door Ningbo Hongtai Medical equipment C.o Ltd., Ruifeng International development Co. Ltd., Chengguang Trading Co. Ltd., drie distributeurs van hardcopy film in China geïntegreerd in haar eigen organisatie.

Overgenomen klantenrelaties gedurende 2019 bedragen 5 miljoen en worden afgeschreven over een periode van vijf jaar. Klantenrelaties uit de overname van 2018 bedragen 15 miljoen euro en worden afgeschreven over vijf jaar. De reële waarde van immateriële activa verworven werd bepaald aan de hand van de contante waarde van de toekomstige kasstromen.

Per einde 2018 bedroeg de goodwill op overname 5 miljoen euro. In de loop van 2019 werd dit bedrag verminderd met 4 miljoen door een terugneming van een eerder erkende uitgestelde belastingverplichting op verworven klantenrelaties. De goodwill op overname bedraagt na aanpassing 1 miljoen euro en heeft voornamelijk betrekking op verwachte synergievoordelen uit de samenvoeging van de bedrijfsactiviteiten met de Groep en het personeelsbestand.

INOVELAN

In het tweede kwartaal van 2018 heeft de Groep 100% van de aandelen verworven van Inovelan SA, een Franse vennootschap die gespecialiseerd is in e-health software en zorgcoördinatie. De overname zal het Agfa HealthCare-platform rond geïntegreerde zorg versterken, door extra waarde toe te voegen rond het beveiligd delen van patiënteninformatie en rond telegeneeskunde op de Franse markt.

De overnameprijs bedroeg 9,5 miljoen euro waarvan 0,7 miljoen euro zal betaald worden over de komende twee jaar afhankelijk van het behalen van EBIT-doelstellingen. In 2019 werd de overnameprijs aangepast met 0,5 miljoen euro.

Verworven technologie wordt afgeschreven over een periode van vijf jaar. De reële waarde van immateriële activa verworven werd bepaald aan de hand van de contante waarde van de toekomstige kasstromen.

De goodwill op overname heeft voornamelijk betrekking op verwachte synergievoordelen uit de samenvoeging van de bedrijfsactiviteiten met de Groep. Het bedrag aan goodwill is fiscaal niet aftrekbaar. Kosten verbonden aan de overname zijn immaterieel en werden vervat in algemene beheerskosten.

IPAGSA

In november 2018 verwierf Agfa Graphics 100% van de aandelen van IPAGSA Industrial SL, een Spaanse private drukplatenleverancier en 100% van de aandelen van IPAGSA Shanghai Printing Material Ltd. Deze acquisitie is een stap in de strategie voor winstgevende groei en een verhoging van het marktaandeel in de prepress-industrie. Agfa zal via deze overname in staat zijn om de prijsgevoelige regio's en segmenten van de wereldwijde drukmarkt beter aan te pakken. Met deze overname wil Agfa een onafhankelijke lage kost aanbieder worden van drukplaten los van het Agfa merk, onder de IPAGSA merknaam.

De overnameprijs bedraagt 13 miljoen euro, waarvan 3 miljoen euro betaald werd in cash en 10 miljoen euro betaald zal worden over een periode tussen 2019 en 2020. In de loop van het eerste halfjaar van 2019 werd 8 miljoen van dit bedrag betaald en 2 miljoen tegengedraaid in de winst- en verliesrekening omwille van het feit dat de vooropgestelde doelstellingen niet gehaald werden.

Verworven klantenrelaties en de merknaam worden afgeschreven over een periode van vijf jaar. De reële waarde van immateriële activa verworven werd bepaald aan de hand van de contante waarde van de toekomstige kasstromen. De goodwill op overname heeft voornamelijk betrekking op verwachte synergievoordelen uit de samenvoeging van de bedrijfsactiviteiten met de Groep en het personeelsbestand.

BODONI

In juni 2017 verwierf de Groep alle aandelen van BODONI Systems Ltd., een onderneming gevestigd in het Verenigd Koninkrijk gespecialiseerd in 'color management consultancy' en verdeler van pressSign, de meest gebruikte software voor druk- en kleurstandaardisatie. Met deze overname tracht de Groep haar positie in dit segment te versterken.

De overnameprijs bedroeg 5 miljoen euro waarvan 2 miljoen euro betaald werd in contanten en 3 miljoen betaald diende te worden over een periode van 2018 en 2019 gebaseerd op te behalen EBIT- doelstellingen. Gedurende 2019 werd er 1 miljoen van deze uitgestelde overnameprijs afgeboekt in de winst- en verliesrekening omdat de gestelde doelstellingen niet behaald werden.

20. AFSTOTINGEN

In de loop van 2019 stootte de Groep haar doorverkoop-activiteiten af met betrekking tot 'Digital Print & Chemicals' in de Verenigde Staten. De doorverkoopactiviteiten hadden voornamelijk betrekking op de aankoop en verkoop van bij derden aangekochte producten. Deze activiteit werd niet bestempeld als kernactiviteit voor de Groep en er werd beoordeeld dat deze activiteit niet complementair is met de strategische beslissing om meer focus te leggen op de kerncompetenties van de Groep.

De geconsolideerde winst- en verliesrekening werd aangepast om het resultaat van voortgezette activiteiten apart te tonen van het resultaat van stopgezette activiteiten.

De tabel hieronder toont het resultaat en de kasstromen van stopgezette activiteiten:

A. Resultaten van beëindigde bedrijfsactiviteiten
MILJOEN EURO 2018 2019
Opbrengsten 56 28
Overige bedrijfsopbrengsten (59) (29)
Resultaat uit bedrijfsactiviteiten (3) (1)
Winstbelastingen - -
Resultaat uit bedrijfsactiviteiten - na winstbelastingen (3) (1)
Resultaat op de verkoop van beëindigde bedrijfsactiviteiten - 6
Winstbelastingen op het resultaat uit de verkoop van
beëindigde bedrijfsactiviteiten
- -
Winst (verlies) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten -
na winstbelasting
(3) 5
B. Nettokasstromen uit beëindigde bedrijfsactiviteiten
MILJOEN EURO 2018 2019
Resultaat uit operationele bedrijfsactiviteiten (3) (1)
Afschrijvingen - -
Evolutie van het werkkapitaal 2 15
Investeringen - -
Winstbelastingen - -
Nettokasstromen van het boekjaar (1) 14
C. Effect van afstotingen op de geconsolideerde balans 2019
MILJOEN EURO Toe
lichting
Afstoting van de doorverkoop-activiteiten met
betrekking tot 'Digital Print & Chemicals' in de VS
Contractuele cliëntenrelaties - aanschaffingswaarde 27 (5)
Contractuele cliëntenrelaties - afschrijvingen 27 5
Voorraden (10)
Totaal van de identificeerbare afgestoten netto-activa (10)
Ontvangen overnameprijs 16
Winst op de afstoting 9 6

BEHEER VAN FINANCIËLE RISICO'S EN FINANCIËLE INSTRUMENTEN

Bij de uitoefening van haar bedrijfsactiviteit wordt de Groep blootgesteld aan een aantal financiële risico's – zoals het valutarisico, het renterisico, het risico verbonden aan de prijsschommelingen van de grondstoffen, het liquiditeitsrisico en het kredietrisico – die de financiële positie en het bedrijfsresultaat kunnen beïnvloeden. De doelstellingen, grondslagen en procedures van de Groep voor wat betreft het beheer van deze risico's worden beschreven in deze toelichting. Voor het beheer van de financiële risico's kan de Groep gebruik maken van afgeleide financiële instrumenten. Het gebruik van deze instrumenten is onderworpen aan interne controles en uniforme regelgeving opgesteld door het centraal 'Treasury Committee' van de Groep. Gebruikte derivaten zijn 'over-the-counter' financiële instrumenten, voornamelijk termijnwisselverrichtingen.

De Groep heeft sinds een aantal jaren 'metal swap'-overeenkomsten afgesloten.

21. MARKTRISICO

21.1 VALUTARISICO

Het valutarisico is het risico dat de reële waarde of toekomstige kasstromen van een financieel instrument zullen schommelen als gevolg van wisselkoersveranderingen. In het beheer van valutarisico's wordt een onderscheid gemaakt tussen drie types van valutarisico's: het valuta-transactierisico, het valuta-translatierisico en het economische risico verbonden aan transacties in vreemde munten.

De Groep is blootgesteld aan een valutatransactierisico op handelsvorderingen, handelsschulden en andere monetaire posten uitgedrukt in een andere munt dan de functionele munt van de Onderneming. Het valutatransactierisico ontstaat eveneens uit de variabiliteit van de kasstromen uit verwachte toekomstige transacties. De resultaten en financiële positie van groepsondernemingen die een functionele valuta hebben die verschillend is van de euro, zijn onderhevig aan een valutatranslatierisico. Het economische valutarisico is het risico dat de toekomstige kasstromen en resultaten van de buitenlandse activiteiten kunnen schommelen. Het economische valutarisico is in zeer hoge mate afhankelijk van andere factoren zoals de concurrentiepositie van de buitenlandse activiteit binnen een bedrijfstak, de relatie met klanten en leveranciers.

In het beheer van de valutarisico's richt het centrale thesauriedepartement zich voornamelijk op het valutatransactierisico en het valutatranslatierisico, daar waar het bedrijfsmanagement zich voornamelijk richt op het beheer van het economisch valutarisico door middel van natuurlijke dekkingen.

Elk van hoger vernoemde valutarisico's beïnvloedt de jaarrekening op een verschillende manier.

Het centrale thesauriedepartement controleert en beheert de valutarisico's vanuit de impact die ze hebben op zowel de balans als de winst- en verliesrekening.

21.2 VALUTATRANSACTIERISICO – IMPACT OP DE BALANS

De munten die aanleiding geven tot een valutatransactierisico zijn als volgt:

Indekkingsinstrumenten
MILJOEN VREEMDE MUNTEENHEID Nettopositie van
vorderingen en
schulden
Geldmiddelen,
kasequivalenten, leningen
en deposito's
Derivaten Nettopositie
31 december 2018
US dollar 51,5 (148,9) 94,6 (2,8)
Chinese renminbi 386,3 (394,8) - (8,5)
Pond sterling 10,8 (44,7) 36,5 2,6
Canadese dollar (1,5) (1,8) - (3,3)
Australische dollar 7,9 (6,8) - 1,1
Indische roepie 774,7 - (710,7) 64
Hong Kong dollar 92,9 (81,2) - 11,7
31 december 2019
US dollar 48,2 (154,5) 104,8 (1.5)
Chinese renminbi 265,8 (196,1) - 69,7
Pond sterling 7,9 (38,5) 33,6 3
Canadese dollar 0,3 (4,1) - (3,8)
Australische dollar 5,2 (4,2) - 1
Indische roepie 360,3 - (505) (144,7)
Hong Kong dollar 187,3 (171,2) - 16,1

In het beheer van de impact van het valutatransactierisico op de balans, tracht de Groep om zowel de gerealiseerde als de niet-gerealiseerde wisselkoersresultaten die ontstaan uit de omrekening van balansposten, uitgedrukt in een munt verschillend van de functionele munt van de Onderneming, tot een minimum te herleiden.

Om het uitstaande risico te beperken tot vooropgestelde aangepaste risicolimieten, gebruikt het centrale thesauriedepartement derivaten zoals termijnwisselverrichtingen, ter indekking van het wisselkoersrisico verbonden aan in de balans opgenomen monetaire activa en verplichtingen. De uitstaande derivaten op 31 december 2019 zijn termijnwisselverrichtingen met looptijden van over het algemeen minder dan één jaar.

Wanneer derivaten gebruikt worden ter indekking van het wisselkoersrisico verbonden aan in de balans opgenomen monetaire activa en verplichtingen, wordt er geen 'hedge accounting' toegepast. Winsten of verliezen die voortvloeien uit de waardering van deze derivaten tegen reële waarde worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.

21.3 VALUTATRANSLATIERISICO – IMPACT OP DE BALANS

Valutakoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van de resultaten en financiële positie van groepsondernemingen die een functionele munt hebben die verschillend is van de presentatiemunt van de Groep, worden in de niet-gerealiseerde resultaten getoond onder valutakoersverschillen, tenzij er een afdekkingmechanisme bestaat.

Alle groepsondernemingen en geassocieerde deelnemingen hebben als functionele munt de munt van het land waarin ze operationeel zijn. Munten die aanleiding geven tot het valutatranslatierisico op de balans betreffen voornamelijk de US dollar, de Canadese dollar, de Chinese renminbi, het pond sterling, de Braziliaanse real, de Australische dollar en de Argentijnse peso.

Netto-investering in een buitenlandse entiteit
MILJOEN VREEMDE MUNTEENHEID 31 december 2018 31 december 2019
US dollar 202 186
Canadese dollar 228 227
Chinese renminbi 429 575
Pond sterling (44) (52)
Braziliaanse real 132 155
Australische dollar 41 39
Argentijnse peso 141 148

Het centrale thesauriedepartement volgt het translatierisico op kwartaalbasis op en stelt corrigerende acties voor aan het Executive Management indien nodig.

21.4 VALUTARISICO – IMPACT OP DE WINST- EN VERLIESREKENING

Het valutarisico dat de winst- en verliesrekening beïnvloedt, omvat het valutarisico dat ontstaat uit de variabiliteit van de kasstromen uit verwachte toekomstige transacties uitgedrukt in vreemde valuta alsook het risico verbonden aan schommelingen van de resultaten van de buitenlandse activiteiten bij de omrekening naar de presentatiemunt (euro). Het centrale thesauriedepartement beheert beide risico's samen.

De munten die het valutarisico op de winst- en verliesrekening beïnvloeden, betreffen voornamelijk de US dollar en munten die nauw verbonden zijn aan de US dollar (zoals de Hong Kong dollar), de Canadese dollar, het pond sterling, de Australische dollar, Koreaanse won, de Indiase roepie, de Japanse yen en de Zwitserse frank.

Aan de hand van aanbevelingen van het centrale 'Treasury Committee' beslist het Executive Management over de te volgen indekkingspolitiek rekening houdend met de bestaande marktsituatie. De groepsobjectieven inzake beheer van de impact van het valutarisico op de winst- en verliesrekening dienen om de voorspelbaarheid van de financiële resultaten te verhogen en tevens de Groep toe te laten in te spelen op de snel veranderende economische omgeving. Dit gebeurt door middel van prijsaanpassingen en bijsturingen van de productie.

De Groep gebruikt termijnwisselverrichtingen om het valutarisico met betrekking tot toekomstige transacties af te dekken. Deze termijnwisselverrichtingen worden aangeduid als kasstroomafdekkingen. De groep duidt enkel de contante prijs van het termijncontract aan als afdekkingsinstrument van het valutarisico en past een afdekkingsratio van 1:1 toe. Het rentedeel van het termijncontract wordt uitgesloten in de afdekkingsrelatie en wordt apart geboekt in het financieel resultaat. Het is de strategie van de Groep om steeds de kritische voorwaarden van het afdekkingsinstrument af te stemmen met het afgedekte risico. Het bestaan van de economische relatie tussen het afdekkingsinstrument en het afgedekte risico wordt aangetoond aan de hand van de munteenheid, bedrag en timing van de respectieve kasstromen. De Groep beoordeelt steeds of het aangeduide afdekkingsinstrument verwacht wordt om effectief te zijn en inderdaad effectief geweest is om de veranderingen in kasstromen van afdekkingsinstrument en afgedekte risico te compenseren. Hiervoor wordt de 'hypothetical derivative'-methode gebruikt. Er wordt zeer weinig ineffectiviteit verwacht uit de kasstroomafdekkingen. In deze relaties kan ineffectiviteit veroorzaakt worden door kredietwaardigheid van de tegenpartij en dat van de Groep, risico's die niet vervat zitten in de reële waarde van de termijnwisselverrichtingen. Ineffectiviteit kan eveneens veroorzaakt worden door veranderingen in de timing van de afdekkingstransacties.

In 2019 duidde de Groep termijnwisselcontracten aan als kasstroomafdekkingen van het vreemde-valutarisico in US dollar en Chinese renminbi waaraan de Groep is blootgesteld op haar zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen over de volgende 15 maanden.

Het effectieve deel van de winsten op de termijnwisselcontracten werd geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten (31 december 2019: 0 miljoen euro). In de loop van 2019 werden verliezen ten belope van 3 miljoen euro rechtstreeks opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten. Verliezen ten belope van 3 miljoen euro werden geherklasseerd vanuit de niet-gerealiseerde resultaten naar opbrengsten. Belastingen ten belope van 0 miljoen euro werden geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten.

In 2018 duidde de Groep termijnwisselcontracten aan als kasstroomafdekkingen van het vreemde-valutarisico in US dollar en Chinese renminbi waaraan de Groep is blootgesteld op haar zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen over de volgende 15 maanden. Het effectieve deel van de winsten op de termijnwisselcontracten werd geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten (31 december 2018: 0 miljoen euro). In de loop van 2018 werden winsten ten belope van 0,6 miljoen euro rechtstreeks opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten.

Winsten ten belope van 4 miljoen euro werden geherklasseerd vanuit de niet-gerealiseerde resultaten naar opbrengsten. Belastingen ten belope van 0 miljoen euro werden geboekt in mindering van niet-gerealiseerde resultaten.

2019 Over de periode 2019
Boekwaarde
MILJOEN EURO Notioneel bedrag Activa Verplichtingen Positie in de geconsolideerde balans waarin het
afdekkingsinstrument gerapporteerd wordt
Reëlewaardeveranderingen van het afdekkingsinstru
ment geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten
Ineffectiviteit van kasstroomafdekkingen erkend in
winst- en verliesrekening
waar de ineffectiviteit van de kasstroom
Positie in de winst- en verliesrekening
afdekkingen gerapporteerd wordt
Veranderingen in reële waarde van het afdekkings
instrument die zijn overgeboekt van afdekkings
reserve naar de winst- en verliesrekening
Veranderingen in reële waarde van het afdekkings
instrument die zijn overgeboekt van
afdekkingsreserve naar de voorraad
de overboeking van de kasstroomafdekkingen
Positie in de winst- en verliesrekening waar
gerapporteerd wordt
Termijnwisselverrichtingen
aangeduid als
kasstroomafdekkingen
25 0,3 (0,8) Derivaten (3) (2) Overige
financierings
kosten
3 - Opbreng
sten

In de volgende tabel worden de effecten weergegeven die de kasstroomafdekkingen gehad hebben op de financiële staten:

2018 Over de periode 2018
Boekwaarde
MILJOEN EURO Notioneel bedrag Activa Verplichtingen Positie in de geconsolideerde balans waarin het
afdekkingsinstrument gerapporteerd wordt
Reëlewaardeveranderingen van het afdekkingsinstru
ment geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten
Ineffectiviteit van kasstroomafdekkingen erkend in
winst- en verliesrekening
waar de ineffectiviteit van de kasstroom
Positie in de winst- en verliesrekening
afdekkingen gerapporteerd wordt
Veranderingen in reële waarde van het afdekkings
instrument die zijn overgeboekt van afdekkings
reserve naar de winst- en verliesrekening
Veranderingen in reële waarde van het afdekkings
instrument die zijn overgeboekt van
afdekkingsreserve naar de voorraad
de overboeking van de kasstroomafdekkingen
Positie in de winst- en verliesrekening waar
gerapporteerd wordt
Termijnwisselverrichtingen
aangeduid als
kasstroomafdekkingen
23 0,2 (1,3) Derivaten 0 (3) Overige
financierings
kosten
(4) - Opbreng
sten

Op 31 december 2019 en op 31 december 2018 hield de Groep volgende instrumenten aan aangeduid als kasstroomafdekkingen van het valutarisico:

2019 Looptijd
MILJOENEN VREEMDE MUNTEENHEID 1-6 maanden 6-12 maanden Meer dan 1 jaar
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen
Notioneel bedrag, netto USD 16 - -
CNY 88 - -
Gewogen gemiddelde termijnkoers EUR:USD 1.134 - -
Gewogen gemiddelde termijnkoers EUR:CNY 7.644 - -
2018 Looptijd
MILJOENEN VREEMDE MUNTEENHEID 1-6 maanden 6-12 maanden Meer dan 1 jaar
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen
Notioneel bedrag, netto USD 9 - -
CNY 127 - -
Gewogen gemiddelde termijnkoers EUR:USD 1.222 - -
Gewogen gemiddelde termijnkoers EUR:CNY 8.246 - -

21.5 GEVOELIGHEIDSANALYSE VALUTARISICO

Een versterking of verzwakking van de euro met 10% ten opzichte van de munten vermeld in onderstaande tabel zou onderstaand positief of negatief effect gehad hebben op de winst- en verliesrekening, gegeven dat alle andere risicovariabelen constant gehouden worden. De gevoeligheidsanalyse werd uitgevoerd op de gebudgetteerde nettorisicopositie ingeschat voor het jaar 2019, rekening gehouden met de impact van derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen.

Winst- en verliesrekening
2018 2019
MILJOEN EURO Versterking van
de euro met 10%
Verzwakking van
de euro met 10%
Versterking van
de euro met 10%
Verzwakking van
de euro met 10%
US dollar en andere
munten nauw gerela
teerd aan de US dollar:
Hong Kong dollar -
Chinese renminbi
7,8 (7,8) 7,7 (7,7)
Canadese dollar 1,9 (1,9) 1,1 (1,1)
Pond sterling (3,7) 3,7 (2,9) 2,9
Australische dollar (2,2) 2,2 (2,4) 2,4
Indische roepie (3,9) 3,9 (4) 4,0
Koreaanse won (3,1) 3,1 (2,5) 2,5
Zwitserse frank (1,9) 1,9 (1,9) 1,9
Japanse yen (3,4) 3,4 (3,2) 3,2

21.6 RENTERISICO

Het renterisico is het risico dat de reële waarde of toekomstige kasstromen van een financieel instrument zullen schommelen als gevolg van veranderingen in de marktrente.

De Groep is blootgesteld aan het renterisico verbonden aan haar netto rentedragende schuldpositie inclusief valutaswaps en hun rentecomponent die leningen en deposito's tussen ondernemingen van de Groep economisch afdekken. Voor de belangrijkste munten is het renteprofiel hiervan op de balansdatum als volgt:

Winst- en verliesrekening
2018 2019
Opgenomen bedrag aan
rentedragende verplichtingen
Opgenomen bedrag
aan rentedragende verplichtingen
MILJOEN EURO Aan vlottende
interestvoet
Aan vaste
interestvoet
Aan vlottende
interestvoet
Aan vaste
interestvoet
Euro 266 48 330 -
US dollar (81) - (99) -
Pond sterling (39) - 1 -
Chinese renminbi (15) - 7 -
Australische dollar (14) - (15) -
Japanse yen 9 - 19 -
Braziliaanse real - - 8 -
Canadese dollar 3 3 -
Zwitserse frank (7) (9) -
Hong Kong dollar (6) (7) -
Overige munten (20) - (19) -
TOTAAL 96 48 219 -
NETTO FINANCIËLE SCHULD 144 219

21.7 GEVOELIGHEIDSANALYSE RENTERISICO

Een verandering van 100 basispunten ten opzichte van de interestvoeten geldend op 31 december 2019 zou onderstaande stijging (of daling) teweeg hebben gebracht in de resultaten zoals opgenomen in de winst- en verliesrekening. In deze gevoeligheidsanalyse zijn alle andere risicovariabelen, zoals wisselkoersen, constant gehouden.

De gevoeligheidsanalyse werd voor 2018 op dezelfde basis uitgevoerd.

Winst- en verliesrekening
Stijging met 100 basispunten Daling met 100 basispunten
31 december 2018
Netto-impact (0,9) 0,9
31 december 2019
Netto-impact (2,19) 2,19

21.8 RISICO'S VERBONDEN AAN DE SCHOMMELINGEN IN DE PRIJZEN VAN DE GRONDSTOFFEN

Het grondstoffenrisico voor de Groep is geconcentreerd rond de grondstoffen zilver en aluminium. Het grondstoffenrisico voor de Groep, zijnde het risico dat de toekomstige kasstromen en resultaten schommelen als gevolg van veranderende materiaalprijzen, hangt nauw samen met andere factoren zoals de concurrentiepositie van de Groep en relaties met klanten en leveranciers.

Om het risico op mogelijke prijsstijgingen en prijsschommelingen van de grondstoffen te beperken, past de Groep een strategie toe waarbij de grondstof aluminium wordt aangekocht aan contantkoersen gecombineerd met een systeem van 'Rolling layered forward buying'.

Het systeem van 'Rolling layered forward buying' werd voornamelijk opgezet om de fluctuaties van grondstofprijzen uit te vlakken. Volgens dit model koopt de Groep een vooraf bepaald percentage van het geplande jaarlijkse verbruik aan grondstoffen aan. Het 'Commodity Steering'-Committee houdt toezicht op de aankoop- en indekkingsstrategie. Afwijkingen van het model zijn mogelijk, waarbij de Chief Executive Officer de uiteindelijke beslissing neemt.

Het systeem van 'Rolling layered forward buying' wordt bereikt door middel van 'metal swap'-overeenkomsten. Deze 'metal swap'-overeenkomsten worden afgesloten met banken en zijn aangeduid als kasstroomafdekkingen van de verwachte prijsschommelingen van aluminium dat zal aangekocht worden in de toekomst. De Groep duidt deze 'metal swap'-overeenkomsten aan als afdekkingsinstrumenten van de veranderingen in de LME component van het afgedekte actief en past een afdekkingsratio toe van 1:1. Door enkel veranderingen in de LME component aan te duiden als afgedekt actief wordt er zeer weinig ineffectiviteit verwacht. Het bestaan van de economische relatie tussen het afdekkingsinstrument en het afgedekte risico wordt aangetoond aan de hand van de munteenheid, bedrag en timing van de respectieve kasstromen. De Groep beoordeelt steeds of het aangeduide afdekkingsinstrument verwacht wordt om effectief te zijn en inderdaad effectief geweest is om de veranderingen in kasstromen van afdekkingsinstrument en afgedekte risico te compenseren. Hiervoor wordt een regressie-analyse gebruikt. In deze relaties kan ineffectiviteit veroorzaakt worden door kredietwaardigheid van de tegenpartij en dat van de Groep, risico's die niet vervat zitten in de reële waarde van de swap-contracten. Ineffectiviteit kan eveneens veroorzaakt worden door veranderingen in de timing van de afdekkingstransacties.

Het deel van de winst of verliezen op de swap-overeenkomsten dat effectief gebleken is, werd geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten (31 december 2019: minus 3 miljoen euro na winstbelastingen; 31 december 2018: minus 12 miljoen euro na winstbelasting). In de loop van 2019 werden verliezen ten belope van 5 miljoen euro rechtstreeks opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten. In de loop van 2018 werden verliezen ten belope van 18 miljoen euro geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten.

Een bedrag van 14 miljoen euro werd geherklasseerd uit de niet-gerealiseerde resultaten en geboekt in de initiële boekwaarde van de voorraad (2018: -4 miljoen euro).

2019 Over het boekjaar 2019
MILJOEN EURO Activa Boekwaarde
Verplichtingen
Positie in de geconsolideerde balans
waarin het afdekkings-instrument
gerapporteerd wordt
Reëlewaardeveranderingen van het
afdekkingsinstrument geboekt in
de niet-gerealiseerde resultaten
Ineffectiviteit van kasstroomafdekkingen
erkend in winst- en verliesrekening
waar de ineffectiviteit van de kasstroom
Positie in de winst- en verliesrekening
afdekkingen gerapporteerd wordt
Veranderingen in reële waarde van het
overgeboekt van afdekkingsreserve
naar de winst- en verliesrekening
afdekkingsinstrument die is
afdekkingsinstrument die is overgeboekt
van afdekkingsreserve naar de voorraad
Veranderingen in reële waarde van het
Positie in de winst- en verliesrekening waar
de overboeking van de kasstroomafdek
kingen gerapporteerd wordt
Swap-overeenkomsten
aangeduid als
kasstroomafdekkingen
- (2) Derivaten (5) - - - 14 -
2018 Over het boekjaar 2018
Boekwaarde
MILJOEN EURO Activa Verplichtingen Positie in de geconsolideerde balans
waarin het afdekkings-instrument
gerapporteerd wordt
Reëlewaardeveranderingen van het
afdekkingsinstrument geboekt in
de niet-gerealiseerde resultaten
Ineffectiviteit van kasstroomafdekkingen
erkend in winst- en verliesrekening
waar de ineffectiviteit van de kasstroom
Positie in de winst- en verliesrekening
afdekkingen gerapporteerd wordt
Veranderingen in reële waarde van het
overgeboekt van afdekkingsreserve
naar de winst- en verliesrekening
afdekkingsinstrument die is
afdekkingsinstrument die is overgeboekt
van afdekkingsreserve naar de voorraad
Veranderingen in reële waarde van het
Positie in de winst- en verliesrekening waar
de overboeking van de kasstroomafdek
kingen gerapporteerd wordt
Swap-overeenkomsten

In de volgende tabel worden de effecten weergegeven die de kasstroomafdekkingen gehad hebben op de financiële staten:

Verder tracht de Groep steeds het effect van gestegen grondstoffenprijzen op haar financiële positie te verlichten door verkoopprijsaanpassingen en door het nemen van kostenbesparingsmaatregelen, afhankelijk van de omvang van de grondstoffenprijsstijgingen, van de evolutie van de geldende muntkoersen en de algemene marktomstandigheden.

Op 31 december 2019 en op 31 december 2018 hield de Groep volgende financiële instrumenten aan aangeduid als kasstroomafdekkingen van het valutarisico:

2019 Looptijd
MILJOEN VREEMDE MUNTEENHEID 1-6 maanden 6-12 maanden Meer dan 1 jaar
Swap-overeenkomsten
Reële waarde
USD
(2) -
Gewogen gemiddelde LME termijnkoers 1.964 1.919 1.826
2018 Looptijd
MILJOEN VREEMDE MUNTEENHEID 1-6 maanden 6-12 maanden Meer dan 1 jaar
Swap-overeenkomsten
Reële waarde
USD
(8) (4) (1)
Gewogen gemiddelde LME termijnkoers 2.191 2.135 2.060

21.9 RISICO'S VERBONDEN AAN DE SCHOMMELINGEN IN DE PRIJZEN VAN DE GRONDSTOFFEN GEVOELIGHEIDSANALYSE

Voor 2019 is de Groep blootgesteld aan een prijsschommelingsrisico voor zilver voor een tonnage va om en bij de 141 ton. Voor iedere verandering van de US dollar/Troy van de zilverprijs wordt de impact op de geconsolideerde winst-en verliesrekening van de Groep ingeschat op 2,5 miljoen euro. Deze analyse werd uitgeoerd op het gebudgetteerde volume waaraan de Groep is blootgesteld voor 2019 omgerekend aan een gebudgetteerde wisselkoers US dollar/euro voor 2019. Voormelde blootstelling van de Groep houdt geen rekening met het feit of een deel van de schommelingen van de zilverprijs al dan niet gedeeltelijk kunnen doorgerekend worden aan de klant.

Voor 2019 is de Groep blootgesteld aan een prijsschommelingsrisico van aluminium voor een tonnage van om en bij de 100 kiloton. Voor iedere verandering van de Europese aluminiumprijs (LME) met 100 USD/ton, wordt de impact op de uitgaven van de Groep ingeschat op 5,5 miljoen euro op jaarbasis.

Voor iedere verandering van de Chinese aluminiumprijs (SHME & CNAL) met 500 CNY/ton wordt de impact op de uitgaven van de Groep ingeschat op 1,6 miljoen euro op jaarbasis. Beide analyses zijn uitgevoerd op het gebudgetteerde volume waaraan de Groep is blootgesteld voor het jaar 2019 omgerekend aan een gebudgetteerde wisselkoers van de USD en de CNY naar de euro. Voormelde blootstelling van de Groep houdt geen rekening met het feit of een deel van de schommelingen van de aluminiumprijs al dan niet kunnen doorgerekend worden aan de klant en houdt ook geen rekening met kasstroomafdekkingen die zijn afgesloten.

22. KREDIETRISICO

Het kredietrisico is het risico dat de tegenpartij bij een financieel instrument haar verplichtingen niet kan nakomen waardoor de Groep een financieel verlies te verwerken krijgt. De Groep beheert haar kredietrisico enerzijds door het opleggen van vooraf afgesproken kredietlimieten per tegenpartij en anderzijds door middel van diversificatie in contracterende partijen.

Het kredietrisico van de Groep komt voornamelijk voort uit handelsvorderingen, investeringen en termijnwisselverrichtingen.

De blootstelling aan het kredietrisico uit handelsvorderingen wordt continu opgevolgd door het 'Credit Committee'. Voor elke klant worden er, gebaseerd op zijn/haar kredietwaardigheid en specifieke karakteristieken, kredietlimieten bepaald die op periodieke basis herzien worden door het 'Credit Committee'. Voor de opvolging van het kredietrisico worden klanten gegroepeerd in risicocategorieën, op basis van welbepaalde financiële karakteristieken. Het beleid van de Groep voor wat betreft het beheersen van het kredietrisico bepaalt tevens om een deel van de klantenportefeuille te verzekeren via kredietverzekering om het risico op wanbetaling te beperken. Goederen worden verkocht met behoud van eigendomstitel tot moment van betaling, zodat de Groep in geval van wanbetaling een rechtmatige eis kan stellen op de verkochte goederen. De Groep eist onder normale omstandigheden geen waarborgen met betrekking tot handels- en diverse vorderingen.

Transacties voor het afsluiten van afgeleide financiële instrumenten en deposito's met financiële instellingen dienen steeds binnen voorafbepaalde limieten te blijven. Deze limieten worden bepaald per financiële instelling op basis van de Standard & Poor's-rating van de financiële instelling. Om de concentratie van risico's verbonden aan een tegenpartij te beperken, worden afgeleide financiële instrumenten afgesloten met diverse financiële instellingen. Investeringen zijn enkel toegelaten in activa die vrij verhandelbaar zijn.

22.1 BLOOTSTELLING AAN KREDIETRISICO

Aangezien de Groep over een brede klantenportefeuille beschikt, zijn er geen significante concentraties van kredietrisico op de balansdatum. Het maximale kredietrisico wordt gehouden binnen vooraf opgestelde grenzen. De respectieve boekwaarden van de financiële activa opgenomen in de balans geven het maximale kredietrisico weer waaraan de Groep is blootgesteld. Het maximale kredietrisico waaraan de Groep blootgesteld is op de rapporteringdatum, per categorie van financiële activa, is als volgt:

MILJOEN EURO Toelichting 2018 2019
Financiële activa gewaardeerd aan reële waarde met waardeveranderingen in de niet-gerealiseerde resultaten
Eigen-vermogensinstrumenten 30.2 7 6
Financiële activa aan reële waarde met waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening
Derivaten die geen deel uitmaken van een afdekkingsrelatie - activa 21 1 -
Financiële activa aan geamortiseerde kostprijs
Handelsvorderingen 22.2 436 429
Vorderingen uit leaseovereenkomsten 31 92 97
Overige vorderingen 33 14 15
Overige investeringen en leningen aan geamortiseerde kostprijs 30.2 2 2
Geldmiddelen en kasequivalenten 34 141 107
TOTAAL 693 656

Het kredietrisico met betrekking tot handelsvorderingen per geografische regio (facturerende entiteit) was als volgt op 31 december 2018 en op 31 december 2019:

MILJOEN EURO 2018 2019
Europa 232 214
NAFTA 72 67
Latijns-Amerika 39 37
Azië/Oceanië/Afrika 93 111
TOTAAL 436 429

22.2 WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN

Voor de beoordeling van waardeverminderingsverliezen op handelsvorderingen, leasevorderingen en contractuele activa verbonden aan contracten met klanten past de Groep de vereenvoudigde methode toe wat inhoudt dat verwachte verliezen voor deze categorieën van activa steeds berekend worden ten belope van de verwachte verliezen over de gehele looptijd van de activa.

Waardeverminderingsverliezen worden berekend als de reële waarde van de kastekorten, zijnde het verschil tussen de verwachte kasstromen en de effectief ontvangen kasstromen.

De gebruikte input en veronderstellingen in dit verwachte verliesmodel zijn de volgende: ernstige financiële moeilijkheden waarin een tegenpartij zich zou bevinden, achterstallen van meer dan 90 dagen na vervaldatum van de factuur, een mogelijks faillissement van de tegenpartij, …

De evaluatie voor het boeken van een mogelijks bijzonder waardeverminderingsverlies houdt rekening met toekomstgerichte elementen en wordt er niet gewacht totdat er zich een verliessituatie voordoet. Alle debiteuren worden gegroepeerd in risicocategorieën gebaseerd op kwantitatieve en kwalitatieve kenmerken. Deze indeling in risicocategorieën wordt ieder jaar beoordeeld, rekening houdend met relevante toekomstgerichte informatie zoals informatie van externe kredietbeoordelingsbureaus, ouderdomsanalyse van de business, landenrisico en de individuele beoordeling van de kredietmanager. De Groep tracht het kredietrisico te beperken door gebruik te maken van kredietverzekering en andere kredietverzachtende hulpmiddelen zoals wissels, bankgaranties, hypotheek.

De methodologie, gehanteerd door de Groep voor de evaluatie van bijzondere waardeverminderingsverliezen, is dus gebaseerd op individueel nazicht van de grootste uitstaande vorderingen rekening houdend met toekomstgerichte informatie.

De ouderdomsanalyse van handelsvorderingen en invorderbare minimale leasebetalingen op de rapporteringdatum is de volgende:

2018 2019
MILJOEN EURO Bruto
waarde
Waardeverminderings
verliezen
Netto
waarde
Bruto
waarde
Waardeverminderings
verliezen
Netto
waarde
Handelsvorderingen
Niet vervallen 384 (1) 383 356 (4) 352
Tussen 0 en 30 dagen na vervaldatum 31 (4) 27 36 (1) 35
Tussen 31 en 90 dagen na vervaldatum 20 (2) 18 26 (1) 25
Tussen 91 en 180 dagen na vervaldatum 4 (2) 2 9 (1) 8
Tussen 181 en 360 dagen na vervaldatum 10 (9) 1 9 (8) 1
Meer dan 360 dagen na vervaldatum 38 (34) 4 42 (35) 8
TOTAAL HANDELSVORDERINGEN 487 (52) 435 478 (49) 429
TOTAAL INVORDERBARE
MINIMALE LEASEBETALINGEN
93 (1) 92 98 (2) 96
Meer dan 360 dagen na vervaldatum - - - 1 (2) 0
Tussen 181 en 360 dagen na vervaldatum 1 (1) - 1 - 1
Tussen 91 en 180 dagen na vervaldatum - - - 2 - 2
Tussen 31 en 90 dagen na vervaldatum 1 - 1 1 - 1
Tussen 0 en 30 dagen na vervaldatum 2 - 2 1 - 1
Niet vervallen 89 - 89 92 - 92

Vervallen bedragen meer dan 360 dagen na vervaldag hebben betrekking op België en vinden hun oorsprong in commerciële betwistingen. Vervallen bedragen zijn voor het overgrote deel afgeschreven. Achterstallen worden per regio van zeer nabij opgevolgd door de kredietcomités binnen de Groep. De Groep meent dat nog openstaande vorderingen, al meer dan dertig dagen na vervaldatum, volledig inbaar zijn. Dit op basis van betalingsgedrag uit het verleden en intensieve analyse van het individuele klantenrisico.

De volgende tabel geeft informatie met betrekking tot het kredietrisico van handelsvorderingen op 31 december 2019:

MILJOEN EURO Gewogen gemiddeld
afwaarderingspercentage
Brutowaarde Waardeverminderingsverlies
Niet vervallen 1,1% 356 (4)
Tussen 0 en 30 dagen na vervaldatum 2,8% 36 (1)
Tussen 31 en 90 dagen na vervaldatum 3,8% 26 (1)
Tussen 91 en 180 dagen na vervaldatum 11,1% 9 (1)
Meer dan 180 dagen na vervaldatum 84,3% 51 (43)

De beweging in de waardeverminderingsverliezen met betrekking tot handelsvorderingen en contractuele activa verbonden aan contracten is de volgende. Het bedrag van het waardeverminderingsverlies wordt steeds bepaald rekening houdend met verwachte verliezen over de gehele looptijd van de activa.

2018 2019
MILJOEN EURO Waardeverminderings
verliezen op
handelsvorderingen
en vorderingen uit
leaseovereenkomsten
Waardeverminderings
verliezen op
contractuele activa
verbonden aan
contracten met klanten
Waardeverminderings
verliezen op
handelsvorderingen
en vorderingen uit
leaseovereenkomsten
Waardeverminderings
verliezen op
contractuele activa
verbonden aan
contracten met klanten
Boekwaarde per 1 januari 56 - 53 1
Toevoegingen/terugnemin
gen geboekt in de
winst- en verliesrekening
4 1 5 1
Afboeking van de
voorziening voor waarde
verminderingsverliezen (1)
(7) - (8) -
Wisselkoersverschillen - - - -
Boekwaarde per
31 december
53 1 51 1

(1) Afboekingen waarvoor vroeger een voorziening voor waardeverminderingsverliezen geboekt was.

Het waardeverminderingsverlies heeft betrekking op verschillende klanten die aangegeven hebben hun openstaande rekeningen niet te kunnen betalen omwille van economische omstandigheden.

23. LIQUIDITEITSRISICO

Het liquiditeitsrisico is het risico dat de Groep zijn verplichtingen in verband met financiële schulden op vervaldag niet kan nakomen.

De Groep verzekert zich ervan over voldoende liquiditeiten te beschikken om zijn verplichtingen af te lossen. Het liquiditeitsrisico wordt beheerd door het handhaven van voldoende diversificatie in fondsen. De Groep heeft een beleid geïmplementeerd om concentraties van het liquiditeitsrisico te beperken. De totaliteit van de opgenomen en niet-opgenomen schuld onder gecommitteerde kredietfaciliteiten bij één bank of bankengroep mag vooraf bepaalde limieten niet overschrijden. Risicoconcentraties worden op regelmatige basis opgevolgd door het 'Treasury Committee'.

In het beheer van het liquiditeitsrisico heeft de Groep een gecommitteerde kredietfaciliteit ter beschikking. In de loop van 2015 werd deze faciliteit opnieuw onderhandeld voor een periode tot 17 juli 2021.

Het notioneel bedrag van deze hernieuwde faciliteit bedraagt 400 miljoen euro. Geldopnames onder deze kredietlijnen worden gedaan voor korte periodes maar de banken hebben zich onder de bestaande herfinancieringsovereenkomst gecommitteerd om het notioneel bedrag van deze faciliteit beschikbaar te stellen tot eindvervaldag. Op 31 december 2019 bedragen de opnames onder deze faciliteit 149 miljoen euro.

De contractuele looptijdanalyse voor financiële verplichtingen, inclusief aflossing van hoofdbedrag en rentebetalingen, wordt in de tabel hieronder weergegeven. De kasstromen over de contractuele resterende looptijden worden berekend op basis van de voorwaarden aangaande wisselkoersen en interestvoeten die bestonden op de rapporteringdatum.

Wat betreft derivaten omvat de looptijdanalyse de kasstromen met betrekking tot verplichtingen uit derivaten en alle ingaande en uitgaande kasstromen uit alle termijnwisselverrichtingen die op een bruto manier afgerekend worden. De contractuele kasstromen van termijnwisselverrichtingen werden berekend op basis van termijnwisselkoersen.

2018

Looptijden van contractuele kasstromen
MILJOEN EURO Boekwaarde TOTAAL Minder dan
3 maanden
Tussen 3 en
12 maanden
Tussen 1
en 5 jaar
Meer dan
5 jaar
Financiële schulden
Obligatielening 42 44 - 44 - -
Revolving-kredietfaciliteit (1) 219 220 220 - - -
EIB-lening 6 6 6 - - -
Andere rentedragende verplichtingen 18 18 13 5 - -
Handelsschulden 219 219 217 2 -
Overige te betalen posten 17 17 17 - -
Verplichtingen uit afgeleide financiële instrumenten
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen
Uitgaande kasstromen (1) (24) (24) - - -
Inkomende kasstromen - 23 23 - - -
Andere termijnwisselverrichtingen
Uitgaande kasstromen (1) (203) (196) (7) - -
Inkomende kasstromen 1 203 196 7 - -
Swap-contracten aangeduid als kasstroomafdekkingen
Uitgaande kasstromen (11) (11) (2) (8) (1) -
Inkomende kasstromen - - - - - -

(1) De transactiekosten ten belope van 1 miljoen euro zijn geboekt in mindering van de boekwaarde van de financiële schuld.

2019

Looptijden van contractuele kasstromen
MILJOEN EURO Boekwaarde TOTAAL Minder dan
3 maanden
Tussen 3 en
12 maanden
Tussen 1
en 5 jaar
Meer dan
5 jaar
Financiële schulden
Obligatielening - - - - - -
Revolving-kredietfaciliteit (1) 149 150 150 - - -
EIB-lening - - - - - -
Andere rentedragende verplichtingen 56 56 39 17 - -
Verplichtingen uit lease-overeenkomsten 112 112 9 28 64 11
Voorschotten in rekening-courant 9 9 9 - - -
Handelsschulden 234 234 232 2 -
Overige te betalen posten 9 9 9 - -
Verplichtingen uit afgeleide financiële instrumenten
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen
Uitgaande kasstromen (1) (25) (25) - - -
Inkomende kasstromen - 24 24 - - -
Andere termijnwisselverrichtingen
Uitgaande kasstromen (2) (198) (186) (12) - -
Inkomende kasstromen - 196 184 12 - -
Swap-contracten aangeduid als kasstroomafdekkingen
Uitgaande kasstromen (2) (2) (1) (1) - -
Inkomende kasstromen - - - - - -

(1) De transactiekosten ten belope van 1 miljoen euro zijn geboekt in mindering van de boekwaarde van de financiële schuld.

De perioden waarin de kasstromen uit derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen naar verwachting zullen plaatsvinden en naar verwachting de winst- en verliesrekening zullen beïnvloeden, worden in de volgende tabel weergegeven, samen met de reële waarde van het afdekkingsinstrument.

2018 Verwachte kasstromen
MILJOEN EURO Reële
waarde
TOTAAL Minder dan
3 maanden
Tussen 3 en
12 maanden
Tussen 1
en 5 jaar
Meer dan
5 jaar
Derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen
Termijnwisselverrichtingen:
Uitgaande kasstromen (1) (24) (24) - - -
Inkomende kasstromen - 23 23 - - -
Swap-overeenkomsten:
Uitgaande kasstromen (11) (11) (2) (8) (1) -
Inkomende kasstromen - - - - -
2019 Verwachte kasstromen
MILJOEN EURO Reële
waarde
TOTAAL Minder dan
3 maanden
Tussen 3 en
12 maanden
Tussen 1
en 5 jaar
Meer dan
5 jaar
Derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen
Termijnwisselverrichtingen:
Uitgaande kasstromen (1) (25) (25) - - -
Inkomende kasstromen - 24 24 - - -
Swap-overeenkomsten:
Uitgaande kasstromen (2) (2) (1) (1) - -
Inkomende kasstromen - - - - - -

24. KAPITAALBEHEER

Het Executive Management houdt toezicht op de verhouding van de netto financiële schuld ten opzichte van het eigen vermogen. Het Executive Management tracht deze verhouding op een vooropgesteld niveau aan te houden. De netto financiële schuld is de som van kortlopende en langlopende rentedragende verplichtingen verminderd met de geldmiddelen en kasequivalenten. De aanpak van de Groep betreffende kapitaalbeheer is niet gewijzigd gedurende het jaar.

De Groep is niet onderworpen aan wettelijk opgelegde kapitaalvereisten, met uitzondering van statutaire minimum-kapitaalvereisten van toepassing op groepsfilialen in de verschillende landen.

Gedurende de voorbije jaren kocht de Groep eigen aandelen in op de markt. Deze aandelen dienen ter indekking van de aandelenoptieplannen die in de toekomst uitgegeven zullen worden. De Groep heeft geen vooraf gedefinieerd beleid aangaande terugkoop van eigen aandelen.

25. VERWERKINGSCATEGORIEËN EN REËLE WAARDEN

De reële waarde is het bedrag waarvoor een actief kan worden verhandeld of een verplichting kan worden afgewikkeld in een regelmatige transactie tussen marktdeelnemers op de waarderingsdatum. Alle afgeleide financiële instrumenten worden tegen reële waarde opgenomen in de balans.

De Groep groepeert haar financiële instrumenten rekening houdend met de kenmerken van deze financiële instrumenten.

De reële waarden en de boekwaarden van financiële activa en verplichtingen gegroepeerd per verwerkingscategorie alsook de reconciliatie naar de onderliggende posten in de balans worden toegelicht in de hiernavolgende tabel. De tabel bevat geen reële waarde informatie van financiële activa en verplichtingen die niet aangehouden worden aan reële waarde indien de boekwaarde een goede benadering is van de reële waarde.

Boekwaarden van financiële activa en verplichtingen
MILJOEN EURO Toelichting afdekkingsinstrumenten
Reële waarde -
-
aan reële waarde met waarde
Verplicht gewaardeerd
veranderingen geboekt in
winst- en verliesrekening
veranderingen geboekt in de
niet-gerealiseerde resultaten
- Investeringen in eigen
vermogensinstrumenten
Gewaardeerd aan reële
waarde met waarde
geamortiseerde kostprijs
Financiële activa aan
Financiële verplichtingen aan
geamortiseerde kostprijs
TOTAAL Reële
waarde
Reële waarde hiërarchie 2 2 3 1 2
Activa
Financiële activa 30 - - - 7 2 - 9 9
Handelsvorderingen 22.2 - - - - 436 - 436 (a)
Vorderingen uit financiële
leaseovereenkomsten
31 - - - - 92 - 92 (a)
Overige vorderingen 33 - - - - 14 - 14 (a)
Derivaten:
Overige termijnwissel
verrichtingen
- 1 - - - - 1 1
Geldmiddelen en kasequivalenten 34 141 - 141 141
Totaal van de financiële activa - 1 - 7 685 - 693
Financiële verplichtingen
Rentedragende verplichtingen 38
'Revolving'-kredietfaciliteit 219 219 220 (b)
EIB-lening - - - - - 6 6 6
Overige rentedragende
verplichtingen
- - - - - 18 18 18
Obligatielening - - - - - 42 42 43
Handelsschulden 40 - - - - - 219 219 (a)
Overige verplichtingen 40 - - 7 (c) - - 9 17 (a)
Derivaten:
Termijnwisselverrichtingen
aangeduid als
kasstroomafdekkingen
1 - - - - - 1 1
Swap-contracten aangeduid
als kasstroomafdekkingen
11 - - - - - 11 11
Overige termijnwissel
verrichtingen
- 1 - - - - 1 1
Totaal van de financiële
verplichtingen
12 1 7 - - 513 534

Reële waarde hiërarchie:

1 Reële waarde hiërarchie 1 betekent dat de reële waarde bepaald werd op basis van genoteerde prijzen in actieve markten.

2 Reële waarde hiërarchie 2 betekent dat de reële waarde gebaseerd is op data die relevant zijn voor het desbetreffende actief of verplichting, andere dan genoteerde prijzen. 3 Reële waarde hiërarchie 3 betekent dat de reële waarde niet gebaseerd is op relevante data voor het desbetreffende actief of verplichting.

(a) De Groep heeft de reële waarde van handels- en overige vorderingen en van handels- en overige schulden niet apart toegelicht daar de boekwaarde een goede weergave is van de reële waarden van dergelijke activa en verplichtingen.

(b) Transactiekosten zijn na aftrek geboekt in de Financiële verplichtingen (1 miljoen euro).

(c) Met betrekking tot het gedeelte van de variabele overnameprijs uit overnames dat op performantie gebaseerd is. De reële waarde van dit deel van de uitgestelde overnameprijs uit overnames wordt berekend op basis van een verdisconteerd kasstroommodel.

Het waarderingsmodel houdt rekening met de contante waarde van de verwachte toekomstige betalingen verdisconteerd aan een voor risico aangepaste disconteringsvoet. Relevante data zijn de toekomstige kasstromen en de disconteringsvoet. De ingeschatte reële waarde kan stijgen (dalen) als de ingeschatte te behalen doelstellingen stijgen (dalen).

161

2019

Boekwaarden van financiële activa en verplichtingen
MILJOEN EURO Toelichting afdekkingsinstrumenten
Reële waarde -
Verplicht gewaardeerd aan
reële waarde met waarde
veranderingen geboekt in winst
en verliesrekening
geboekt in de niet-gerealiseerde
Gewaardeerd aan reële waarde
eigen-vermogensinstrumenten
resultaten - Investeringen in
met waardeveranderingen
geamortiseerde kostprijs
Financiële activa aan
Financiële verplichtingen aan
geamortiseerde kostprijs
Totaal Reële waarde
Reële waarde hiërarchie 2 2 3 1 2
Activa
Financiële activa 30 - - - 6 2 - 8 8
Handelsvorderingen 22.2 - - - - 429 - 429 (a)
Vorderingen uit financiële
leaseovereenkomsten
31 - - - - 97 - 97 (a)
Overige vorderingen 33 - - - - 15 - 15 (a)
Derivaten:
Overige termijnwissel
verrichtingen
- - - - - - - -
Geldmiddelen en kasequivalenten 34 107 - 107 107
Totaal van de financiële activa - - - 6 650 - 656
Financiële verplichtingen
Rentedragende verplichtingen
38
'Revolving'-kredietfaciliteit 149 149 150 (b)
Voorschotten in
rekening-courant
- - - - - 9 9 9
Overige rentedragende
verplichtingen
- - - - - 56 56 56
Obligatielening - - - - - - - -
Verplichtingen uit lease
overeenkomsten
112 112 112
Handelsschulden 40 - - - - - 234 234 (a)
Overige verplichtingen 40 - 2 2 (c) - - 5 9 (a)
Derivaten:
Termijnwisselverrichtingen
aangeduid als
kasstroomafdekkingen
1 - - - - - 1 1
Swap-contracten aangeduid
als kasstroomafdekkingen
2 - - - - - 2 2
Overige termijnwissel
verrichtingen
- 2 - - - - 2 2
Totaal van de financiële
verplichtingen
3 4 2 - - 565 574

Reële waarde hiërarchie:

1 Reële waarde hiërarchie 1 betekent dat de reële waarde bepaald werd op basis van genoteerde prijzen in actieve markten.

2 Reële waarde hiërarchie 2 betekent dat de reële waarde gebaseerd is op data die relevant zijn voor het desbetreffende actief of verplichting, andere dan genoteerde prijzen.

3 Reële waarde hiërarchie 3 betekent dat de reële waarde niet gebaseerd is op relevante data voor het desbetreffende actief of verplichting.

(a) De Groep heeft de reële waarde van handels- en overige vorderingen en van handels- en overige schulden niet apart toegelicht daar de boekwaarde een goede weergave is van de reële waarden van dergelijke activa en verplichtingen.

(b) Transactiekosten zijn na aftrek geboekt in de Financiële verplichtingen (1 miljoen euro).

(c) Met betrekking tot het gedeelte van de variabele overnameprijs uit overnames dat op performantie gebaseerd is. De reële waarde van dit deel van de uitgestelde overnameprijs uit overnames wordt berekend op basis van een verdisconteerd kasstroommodel.

Het waarderingsmodel houdt rekening met de contante waarde van de verwachte toekomstige betalingen verdisconteerd aan een voor risico aangepaste disconteringsvoet 162 Relevante data zijn de toekomstige kasstromen en de disconteringsvoet. De ingeschatte reële waarde kan stijgen (dalen) als de ingeschatte te behalen doelstellingen stijgen (dalen). De volgende tabel toont een reconciliatie tussen de openingsbalans en de slotwaarde op 31 december van de financiële activa en verplichtingen in de reële waarde hiërarchie niveau 3:

Balans op 31 december 2018 7
Winsten vervat in Overige financieringsbaten – veranderingen in reële waarde (niet-gerealiseerd) (3)
Betaalde bedragen gedurende 2019 (2)
Balans op 31 december 2019 2

25.1 BASIS VOOR DE BEPALING VAN REËLE WAARDEN

De methoden en veronderstellingen toegepast bij het bepalen van de reële waarde van iedere categorie financiële activa of financiële verplichtingen zijn de volgende:

De reële waarde van investeringen in aandelen, andere dan investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode, is de genoteerde marktnotering op rapporteringsdatum.

De reële waarden van termijnwisselcontracten en swap-contracten worden berekend rekening houdend met actuele-markttermijnrentevoeten en de rendementscurve over de resterende looptijd van het instrument.

De reële waarde van de handels- en overige vorderingen en van handels- en overige verplichtingen wordt niet apart toegelicht gezien het gaat over kortetermijnvorderingen en verplichtingen waarvoor de nettoboekwaarde een goede benadering is van de reële waarde. De reële waarde van invorderbare minimale leasebetalingen is gebaseerd op de contante waarde van de minimum leasebetalingen verdisconteerd aan marktconforme interestvoeten voor vergelijkbare activa.

De reële waarde van financiële verplichtingen is de contante waarde van de toekomstige kasstromen voor de aflossing van het hoofdbedrag en de interestbetalingen, verdisconteerd aan marktconforme interestvoeten op de rapporteringdatum.

De reële waarde van de kortlopende leningen benadert de boekwaarde op rapporteringdatum, exclusief transactiekosten, gezien opnames voor een korte periode aangegaan worden.

De reële waarde van de uitgestelde overnameprijs uit overnames wordt berekend aan de hand van de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen. Het model houdt rekening met de contante waarde van de verwachte toekomstige betalingen verdisconteerd aan een voor risico aangepaste disconteringsvoet. Relevante data zijn de toekomstige kasstromen en de disconteringsvoet. De ingeschatte reële waarde kan stijgen (dalen) als de ingeschatte te behalen doelstellingen stijgen (dalen).

26. BATEN, KOSTEN, WINSTEN EN VERLIEZEN UIT FINANCIËLE INSTRUMENTEN

2018
MILJOEN EURO Financiële activa
aan geamortiseerde
kostprijs
Derivaten Financiële verplichtingen aan
geamortiseerde kostprijs
TOTAAL
Financieringsbaten 2 3 - 5
Financieringskosten - (3) (10) (13)
Inkomsten uit financiële leaseovereenkomsten 6 - - 6
Bijzondere waardeverminderingsverliezen (11) - - (11)
Opbrengsten uit terugnames van bijzondere
waardeverminderingsverliezen
6 - - 6
Veranderingen in reële waarde van derivaten
niet aangeduid als afdekkingsinstrumenten
in een afdekkingsrelatie
- 8 - 8
Nettoresultaat uit de ineffectiviteit van derivaten
toegewezen als kasstroomafdekkingen
- (3) - (3)
2019
MILJOEN EURO Financiële
activa aan
geamortiseerde
kostprijs
Derivaten Financiële
verplichtingen aan
geamortiseerde
kostprijs
Financiële
verplichtingen
aan reële
waarde
TOTAAL
Financieringsbaten 2 3 - - 5
Financieringskosten - (2) (13) - (15)
Inkomsten uit financiële leaseovereenkomsten 4 - - - 4
Bijzondere waardeverminderingsverliezen (10) - - - (10)
Opbrengsten uit terugnames van bijzondere
waardeverminderingsverliezen
5 - - - 5
Veranderingen in reële waarde van derivaten
niet aangeduid als afdekkingsinstrumenten
in een afdekkingsrelatie
- 3 - - 3
Nettoresultaat uit de ineffectiviteit van derivaten
toegewezen als kasstroomafdekkingen
- (2) - - (2)
Winsten uit de herwaardering van de uitgestelde
aankoopprijs met betrekking tot overnames
- - - 3 3

ACTIVA

27. IMMATERIËLE ACTIVA EN GOODWILL

Immateriële activa
Onbepaalde
gebruiks
duur
Beperkte gebruiksduur
MILJOEN EURO Goodwill Merknamen ontwikkelingskosten
Geactiveerde
Technologie Cliëntencontracten
en -relaties
Merknamen informatiesystemen
Management
eigendomsrechten en
Software, Industriële
andere licenties
op immateriële activa
Vooruitbetalingen
TOTAAL
Aanschaffingswaarde per 31 december 2017 610 17 43 216 116 14 121 59 - 1.196
Valutakoersverschillen 2 - - (1) (1) - 2 1 - 4
Overnames 12 - - 2 21 1 - - - 36
Toegekende warmtekrachtcertificaten
en emissierechten
- - - - - - - 2 - 2
Investeringsuitgaven - - - - - - - 2 - 2
Buitengebruikstellingen - - - - (3) - - (3) - (7)
Ingebruikname activa in aanbouw - - - - - - 1 1 - 1
Overboekingen - - - - - - 1 (1) - -
Aanschaffingswaarde per 31 december 2018 624 17 43 217 134 14 124 61 - 1.234
Valutakoersverschillen 9 - - 2 1 - 1 (1) - 11
Overnames (3) - - - 5 - - - - 1
Afstotingen (5) (5)
Toegekende warmtekrachtcertificaten
en emissierechten
- - - - - - - 2 - 2
Investeringsuitgaven - - - - - - - 4 - 4
Buitengebruikstellingen - - - (6) - (8) - (5) - (19)
Ingebruikname activa in aanbouw - - - - - - - - - -
Overboekingen - - - - 1 - 4 (1) - 5
Aanschaffingswaarde per 31 december 2019 630 17 43 213 135 6 129 60 - 1.234
Geaccumuleerde afschrijvingen en
bijzondere waardeverminderingsverliezen
101 4 43 185 92 12 116 54 - 607
per 31 december 2017
Valutakoersverschillen - - - (1) - - 2 1 - 2
Wijziging in consolidatiekring
Afschrijvingen van het jaar
-
-
-
-
-
-
-
5
-
5
-
1
-
2
-
2
-
-
-
16
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 1 - - - - - - - - 1
Buitengebruikstellingen - - - - (2) - - (3) - (5)
Overboekingen - - - - - - (2) 2 - (1)
Geaccumuleerde afschrijvingen en
bijzondere waardeverminderingsverliezen
per 31 december 2018
101 4 43 188 96 12 119 55 - 619
Valutakoersverschillen 2 - - 2 - - 1 (1) - 4
Wijziging in consolidatiekring - - - - (5) - - - - (5)
Afschrijvingen van het jaar - - - 5 8 1 3 2 - 19
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 35 - - 2 5 1 1 2 - 46
Buitengebruikstellingen - - - (6) - (8) - (2) - (16)
Overboekingen - - - - - - - - - -
Geaccumuleerde afschrijvingen en
bijzondere waardeverminderingsverliezen
per 31 december 2019
138 4 43 190 105 6 123 56 - 667
Boekwaarde per 31 december 2017 509 13 - 31 24 2 5 5 - 589
Boekwaarde per 31 december 2018 523 13 - 29 38 2 5 6 - 615
Boekwaarde per 31 december 2019 492 13 - 23 30 - 5 3 - 566

In 2019 bedragen de investeringsuitgaven voor immateriële activa 4 miljoen euro (2018: 2 miljoen euro) en hadden voornamelijk betrekking op software en licenties.

Als onderdeel van het herstructureringsplan, met betrekking tot de beslissing van de sluiting van een drukplatenfabriek in Branchburg, VS, werden er in de loop van 2018 individuele bijzondere waardeverminderingsverliezen geboekt op goodwill ten belope van 1 miljoen euro in het Grafische segment.

Op het einde van 2019 en 2018 heeft de Groep haar goodwill en immateriële activa met onbepaalde gebruiksduur getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. Het betreft merknamen met een onbepaalde gebruiksduur, die volledig toegewezen zijn aan het operationele segment HealthCare IT. Er waren echter geen indicaties tot mogelijke bijzondere waardevermindering. Bovendien heeft de Groep onderzocht of er een indicatie was die wijst op een mogelijke bijzondere waardevermindering voor de immateriële activa met beperkte gebruiksduur. Dit resulteerde niet in het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies.

Het management van de Groep heeft op het einde van 2019 beoordeeld of de gebruiksduur van haar belangrijkste immateriële activa nog terecht is. Dit resulteerde niet in een herziening van de afschrijvingstermijnen van immateriële activa die behoren tot de business segmenten Radiology Solutions, Digital Print & Chemicals en HealthCare IT. Er werd een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt op alle immateriële activa in het segment Offset Solutions (zie toelichting 27.1).

Meer informatie omtrent de onderliggende veronderstellingen met betrekking tot de gebruiksduur wordt verstrekt in toelichting 27.3.

27.1 ONDERZOEK OP BIJZONDERE WAARDEVERMINDERING VAN GOODWILL

Voor de jaarrekening van de Groep wordt de goodwill jaarlijks onderzocht op bijzondere waardevermindering en telkens er een aanwijzing is die wijst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. In het kader van het onderzoek op bijzondere waardevermindering is goodwill toegekend aan een kasstroomgenererende eenheid.

In overeenstemming met de definitie van kasstroomgenererende eenheid heeft het management van de Groep, de te rapporteren segmenten als kasstroomgenererende eenheden geïdentificeerd, zijnde Offset Solutions, Radiology Solutions, Agfa Healthcare IT en Digital Print & Chemicals. Het te rapporteren segment vertegenwoordigt het laagste niveau binnen de Groep waarop goodwill opgevolgd wordt voor interne managementdoeleinden (zie toelichting 6 Te rapporteren segmenten).

In de loop van 2019 startte de Groep exclusieve onderhandelingen voor de verkoop van een deel van Agfa HealthCare's IT-activiteiten, met name de activiteiten op het vlak van Healthcare Information Solutions en Integrated Care alsook de Imaging IT-activiteiten voor zover deze nauw geïntegreerd zijn in Healthcare Information Solutions-activiteiten. Dit is het geval in de DACH-regio, in Frankrijk en in Brazilië. In januari 2020 hebben de Groep en Dedalus Holding S.p.A een overeenkomst getekend tot aankoop van aandelen voor de verkoop van een deel van Agfa HealthCare's IT-activiteiten aan een waarde van 975 miljoen euro, aan te passen met de gebruikelijke correcties voor werkkapitaal en nettoschuld. De reële waarde verminderd met verkoopkosten van dit deel van de business is aanzienlijk hoger dan de boekwaarde van dit deel van de activiteiten.

In de geconsolideerde balans werd dit deel van de activiteiten niet geclassificeerd als vaste activa aangehouden voor verkoop zoals gestipuleerd door IFRS 5 aangezien niet aan alle voorwaarden voldaan is op 31 december 2019. Deze af te stoten groep van activiteiten is op 31 december 2019 niet onmiddellijk beschikbaar voor verkoop in de huidige status. Er dienen nog aanzienlijke stappen ter loskoppeling plaats te vinden in de loop van het tweede kwartaal van 2020.

In het vierde kwartaal van 2019 werd de goodwill toebehorend aan de segmenten Offset Solutions, Radiology Solutions en het overblijvende deel van de HealthCare IT-activiteiten getest op bijzondere waardevermindering. Voor het segment Digital Print & Chemicals zijn er geen indicatoren voor een mogelijks bijzonder waardeverminderingsverlies. Er is geen goodwill toegekend aan dit bedrijfssegment.

Goodwill wordt getoetst voor bijzondere waardevermindering door de boekwaarde van elke kasstroomgenererende eenheid te vergelijken met haar realiseerbare waarde. De realiseerbare waarde van de kasstroomgenererende eenheid is bepaald aan de hand van de berekende bedrijfswaarde. De bedrijfswaarde wordt bepaald als de contante waarde van verwachte toekomstige kasstromen, welke worden afgeleid van de huidige langetermijnplanning van de Groep.

De disconteringsvoet die gebruikt wordt in de bepaling van de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen is een disconteringsvoet die gebaseerd is op een gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC).

De gewogen gemiddelde kapitaalkost is gebaseerd op deze van een gemiddelde marktdeelnemer van een groep van peers waarbij een extra risicocomponent toegevoegd werd aan de kost van eigen vermogen. De kost van vreemd vermogen is gebaseerd op voorwaarden die vergelijkbare bedrijven voor hun langetermijnfinanciering zouden kunnen onderhandelen.

De disconteringsvoet is voor elke kasstroomgenerende eenheid afzonderlijk berekend op basis van de verhouding schuldgraad versus eigen vermogen van elke groep van peers.

De disconteringsvoet voor belastingen is afgeleid van de gewogen gemiddelde kapitaalkost bij wijze van iteratie.

27.1.1 Kasstroomgenererende eenheid Offset Solutions

Op 31 december 2019 omvat de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid Offset Solutions goodwill ten belope van 31 miljoen euro. Per jaareinde 2019 heeft de Groep de goodwill behorende tot de kasstroomgenererende eenheid Offset Solutions getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. Rekening houdend met de gebruikte veronderstellingen is de bedrijfswaarde van de eenheid lager dan haar boekwaarde en is er een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt met betrekking tot goodwill van 31 miljoen euro, gelinkt aan overnames uit het verleden.

De bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid Offset Solutions is bepaald op basis van kasstroomvoorspellingen over de komende vijf jaar. De kasstroomprognoses werden bepaald op basis van een formeel door de Raad van Bestuur goedgekeurd strategisch bedrijfsplan.

De tegenwind in de drukindustrie zette Agfa ertoe aan om een voorzichtigere houding aan te nemen met betrekking tot de toekomstige Offsetactiviteiten. De divisie Offset Solutions is actief in een markt die gekenmerkt wordt door veelvuldige uitdagingen waaronder een sterke achteruitgang in de vraag voor analoge drukvoorbereidingstechnologie, dalende volumes voor kranten en commercieel drukwerk, prijsdruk door een intense concurrentiestrijd en hoge aluminiumkosten. Om deze achteruitgang te stoppen investeerde de Groep in een strategische alliantie met de Chinese onderneming Lucky HuaGuang Graphics Co. en initieerde tevens diverse initiatieven om de kosten verder te drukken en innovatieve producten, diensten en software-oplossingen aan te bieden die waarde creëren voor de consument. Bovenop het bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt op goodwill werden tevens overeenkomstig IAS 36 Bijzondere waardeverminderingsverliezen op activa, waardeverminderingsverliezen geboekt op andere immateriële activa toebehorend aan het segment Offset Solutions ten belope van 10 miljoen euro. Deze activa betreffen voornamelijk contractuele klantenrelaties, verworven technologie en software en licenties.

De Groep heeft eveneens de netto boekwaarde van de materiële activa toebehorend aan het segment Offset Solutions geherevalueerd, en een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt ten belope van 26 miljoen euro. Deze activa betreffen gebouwen en infrastructuur, machines en technische uitrusting.

Het totaal geboekte bijzonder waardeverminderingsverlies voor het segment Offset Solutions bedraagt 67 miljoen euro en is geboekt in Overige bedrijfskosten (toelichting 9.2).

Na vijf jaar wordt de residuele waarde van de kasstroomgenererende eenheid bepaald, rekening houdend met een groeivoet van -2,6%. De groeivoeten zijn afgeleid van beschikbare marktinformatie.

De belangrijkste veronderstellingen gebruikt in de beoordeling van een mogelijke bijzondere waardevermindering zijn bepaald door het management van het segment Offset Solutions en zijn gebaseerd op prestaties uit het verleden en de verwachtingen betreffende marktontwikkeling.

Deze zijn als volgt:

  • gewogen gemiddelde kapitaalkost na belastingen: 5,86% (2018: 6,08%);
  • disconteringsvoet voor belastingen: 16,68% (2018: 11,31%);
  • groeivoet gehanteerd voor de berekening van de residuele waarde (na vijf jaar): -2,6% (2018: -2,0%);
  • aluminium: 1.665 euro/ton (2018: vork tussen 1.725-1.731 euro/ton);
  • zilverprijzen: 16 US dollar/Troz. (2018: 17 USD/Troz.);
  • wisselkoers US dollar/euro: 1,15 (2018: US dollar/euro: 1,2);
  • opbrengsten en brutowinstmarge: de opbrengsten en de brutowinstmarge reflecteren de verwachtingen van het management gebaseerd op ervaringen uit het verleden en rekening houdend met risico's specifiek voor het te rapporteren segment.

167

27.1.2 Kasstroomgenererende eenheid Radiology Solutions

Op 31 december 2019 bedraagt de boekwaarde van de goodwill van de kasstroomgenererende eenheid Radiology Solutions 67 miljoen euro. Per jaareinde 2019 heeft de Groep de goodwill behorende tot de kasstroomgenererende eenheid Radiology Solutions getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering.

Rekening houdend met de gebruikte veronderstellingen is de bedrijfswaarde van de eenheid groter dan haar boekwaarde en is er geen bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt.

De bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid Agfa Radiology Solutions wordt bepaald op basis van kasstroomvoorspellingen over de komende vijf jaar. De kasstroomprognoses werden bepaald op basis van een formeel door de Raad van Bestuur goedgekeurd strategisch bedrijfsplan. Na vijf jaar wordt de residuele waarde van de kasstroomgenererende eenheid bepaald, rekening houdend met een groeivoet van -3,43%. De groeivoeten zijn afgeleid van beschikbare marktinformatie.

De belangrijkste veronderstellingen gebruikt in de beoordeling van een mogelijke bijzondere waardevermindering zijn bepaald door het management van het te rapporteren segment en zijn gebaseerd op prestaties uit het verleden en de verwachtingen wat betreft marktontwikkeling.

Deze zijn als volgt:

  • gewogen gemiddelde kapitaalkost na belastingen: 7,57% (2018: 7,99%);
  • disconteringsvoet voor belastingen: 9,85% (2018: 9,83%);
  • groeivoet gehanteerd voor de berekening van de residuele waarde (na vijf jaar): -3,43% (2018 : -2,80%);
  • zilverprijzen: 16 US dollar/Troz. (2018: 17 USD/Troz.);
  • wisselkoers US dollar/euro: 1,15 (2018: US dollar/euro: 1,20);
  • opbrengsten en brutowinstmarge: de opbrengsten en de brutowinstmarge reflecteren de verwachtingen van het management gebaseerd op ervaringen uit het verleden en rekening houdend met risico's specifiek voor het te rapporteren segment.

Er werd een sensitiviteitsanalyse uitgevoerd waarbij het effect onderzocht werd van een redelijkerwijs mogelijke verhoging van de gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC) en een substantiële verhoging van de zilverprijs. De sensitiviteitsanalyse is gebaseerd op een mogelijkse verhoging van de zilverprijs over de lange termijnhorizon met 2 US dollar/Troz. en een verhoging van de WACC met 100 basispunten. Deze sensitiviteitsanalyses hebben geen risico op een mogelijks bijzondere waardevermindering onthuld. Op basis van voornoemde gevoeligheidsanalyse is het management ervan overtuigd dat een redelijkerwijs mogelijke wijziging in een belangrijke veronderstelling waarop het management zijn bepaling van de realiseerbare waarde van de eenheid heeft gebaseerd, geen aanleiding zal geven tot het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies.

27.1.3 Kasstroomgenererende eenheid Agfa HealthCare IT

Op 31 december 2019 bedraagt de boekwaarde van de goodwill van de kasstroomgenererende eenheid Agfa HealthCare IT 425 miljoen euro, waarvan 212 miljoen euro betrekking heeft op de IT-activiteiten die afgestoten zullen worden in de loop van 2020. Per jaareinde 2019 heeft de Groep de goodwill behorende tot de kasstroomgenererende eenheid Agfa HealthCare IT dat niet zal afgestoten worden, getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering.

Rekening houdend met de gebruikte veronderstellingen is de bedrijfswaarde van de eenheid groter dan haar boekwaarde en is er geen bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt.

De bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid Agfa HealthCare IT wordt bepaald op basis van kasstroomvoorspellingen over de komende vijf jaar. De kasstroomprognoses werden bepaald op basis van een formeel door de Raad van Bestuur goedgekeurd strategisch bedrijfsplan. Na vijf jaar wordt de residuele waarde van de kasstroomgenererende eenheid bepaald, rekening houdend met een groeivoet voor de divisie Information Technology Solutions (IT-oplossingen) van 1,5%. Deze groeivoet is afgeleid van beschikbare marktinformatie. De belangrijkste veronderstellingen gebruikt in de beoordeling van een mogelijke bijzondere waardevermindering zijn bepaald door het management van het te rapporteren segment Agfa HealthCare en zijn gebaseerd op prestaties uit het verleden en de verwachtingen wat betreft marktontwikkeling.

Deze zijn als volgt:

  • gewogen gemiddelde kapitaalkost na belastingen: 7,61% (2018: 7,99%);
  • disconteringsvoet voor belastingen: 9,49% (2018: 9,83%);
  • groeivoet gehanteerd voor de berekening van de residuele waarde (na vijf jaar): 1,5% voor IT-oplossingen (2018: 1,5%);
  • wisselkoers US dollar/euro: 1,15 (2018: US dollar/euro: 1,20);
  • opbrengsten en brutowinstmarge: de opbrengsten en de brutowinstmarge reflecteren de verwachtingen van het management gebaseerd op ervaringen uit het verleden en rekening houdend met risico's specifiek voor het te rapporteren segment.

Er werd een sensitiviteitsanalyse uitgevoerd waarbij het effect onderzocht werd van een redelijkerwijs mogelijke verhoging van de gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC) met 100 basispunten. Deze sensitiviteitsanalyses hebben geen risico op een mogelijks bijzondere waardevermindering onthuld. Op basis van voornoemde gevoeligheidsanalyse is het management ervan overtuigd dat een redelijkerwijs mogelijke wijziging in een belangrijke veronderstelling waarop het management zijn bepaling van de realiseerbare waarde van de eenheid heeft gebaseerd, geen aanleiding zal geven tot het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies.

27.1.4 Kasstroomgenererende eenheid Digital Print & Chemicals

Op 31 december 2019 bevat de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid Digital Print & Chemicals geen goodwill.

27.2 ONDERZOEK OP BIJZONDERE WAARDEVERMINDERING VAN IMMATERIËLE ACTIVA MET ONBEPAALDE GEBRUIKSDUUR

Op het einde van 2018 en 2019 heeft de Groep haar immateriële activa met onbepaalde gebruiksduur getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. Het betreft merknamen met een onbepaalde gebruiksduur, die volledig toegewezen zijn aan het operationele segment Agfa HealthCare IT. Dit resulteerde niet in het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies.

27.3 GEBRUIKSDUUR VAN IMMATERIËLE ACTIVA MET EEN BEPERKTE GEBRUIKSDUUR

De gebruiksduur van een immaterieel actief is de periode, waarin het actief verwacht wordt op een directe of op een indirecte wijze bij te dragen tot de toekomstige kasstromen van de Groep. Verworven technologie, klantencontracten en -relaties zijn de meest belangrijke immateriële activa van de Groep.

Voor verworven technologie is de schatting van de resterende gebruiksduur gebaseerd op een analyse van factoren zoals typische productlevenscycli in de industrie en technologische en economische veroudering voortkomende hoofdzakelijk uit verwachte acties van concurrenten en potentiële concurrenten.

Op 31 december 2019 bedroeg de nettoboekwaarde van de door de Groep verworven technologie 23 miljoen euro (2018: 29 miljoen euro). De door de Groep verworven technologie heeft een geschatte gewogen gemiddelde resterende gebruiksduur van ongeveer vijf jaar. De gebruiksduur van immateriële activa wordt regelmatig beoordeeld en herzien indien noodzakelijk.

Voor verworven cliëntencontracten en -relaties is de schatting van de resterende gebruiksduur gebaseerd op ratio's die het verval van cliëntenrelaties weergeven. Voor de schatting van dergelijke ratio's beoordeelt de Groep de waarschijnlijkheid dat bestaande contracten worden hernieuwd. Voor de beoordeling van de waarschijnlijkheid dat bestaande contracten worden hernieuwd, worden de vraag, de concurrentie en andere factoren zoals technologische afhankelijkheid en daarmee verband houdende 'sunk costs' in overweging genomen.

Op 31 december 2019 bedroeg de nettoboekwaarde van de door de Groep verworven cliëntencontracten en -relaties 30 miljoen euro (2018: 38 miljoen euro). De door de Groep verworven cliëntencontracten en -relaties hebben een geschatte gewogen gemiddelde resterende gebruiksduur van ongeveer vijf jaar. De gebruiksduur van immateriële activa wordt regelmatig beoordeeld en herzien indien noodzakelijk.

Hoewel de Groep van oordeel is dat de gebruikte veronderstellingen (zoals de productlevenscycli en de ratio's die het verval van cliëntenrelaties weergeven) geschikt zijn, kunnen belangrijke verschillen in actuele ervaring een impact hebben op de toekomstige afschrijvingslast voor de Groep.

28. MATERIËLE VASTE ACTIVA

MILJOEN EURO Terreinen,
gebouwen en
infrastructuur
Machines en
technische
uitrusting
Meubilair en
overige materiële
vaste activa
Vaste activa in aanbouw
en vooruitbetalingen
op materiële vaste activa
TOTAAL
Aanschaffingswaarde per 31 december 2017 346 1.439 217 19 2.021
Valutakoersverschillen 1 1 (1) (1) -
Nieuwe lease-overeenkomsten 1 1
Investeringsuitgaven 2 17 6 13 38
Buitengebruikstellingen (2) (47) (23) (1) (73)
Ingebruikname activa in aanbouw 2 2 (6) (1)
Overboekingen (8) 30 (28) (3) (10)
Aanschaffingswaarde per 31 december 2018 340 1.442 171 22 1.976
Valutakoersverschillen 1 3 - - 5
Nieuwe lease-overeenkomsten 8 8
Investeringsuitgaven 2 12 6 14 35
Buitengebruikstellingen (12) (45) (10) (1) (70)
Ingebruikname activa in aanbouw - 2 - (3) -
Overboekingen - 3 1 (9) (5)
Aanschaffingswaarde per 31 december 2019 331 1.418 177 22 1.948
Geaccumuleerde afschrijvingen en
bijzondere waardeverminderingsverliezen
per 31 december 2017
279 1.361 190 1 1.831
Valutakoersverschillen - 2 (1) - 1
Afschrijvingen van het jaar 6 19 14 - 39
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 1 5 - - 5
Buitengebruikstellingen (1) (47) (22) - (71)
Overboekingen - 26 (30) - (4)
Geaccumuleerde afschrijvingen en
bijzondere waardeverminderingsverliezen
per 31 december 2018
285 1.366 150 1 1.802
Valutakoersverschillen 1 3 - - 4
Afschrijvingen van het jaar 6 17 14 - 37
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 10 13 - 3 27
Buitengebruikstellingen (12) (44) (10) - (66)
Overboekingen - - - 3 3
Geaccumuleerde afschrijvingen en
bijzondere waardeverminderingsverliezen
per 31 december 2019
289 1.354 154 8 1.806
Boekwaarde per 31 december 2017 67 78 27 18 190
Boekwaarde per 31 december 2018 55 77 22 21 174
Boekwaarde per 31 december 2019 41 64 23 14 142

In 2019 bedroegen de investeringsuitgaven voor materiële vaste activa 35 miljoen euro (2018: 38 miljoen euro), waarvan 12 miljoen euro (2018: 17 miljoen euro) voornamelijk betrekking heeft op machines en technische uitrusting voornamelijk in België en Duitsland en waarvan 14 miljoen euro (2018: 13 miljoen euro) betrekking heeft op activa in aanbouw voor efficiëntieverhoging, instandhouding en IT-gerelateerde projecten in de productie in België, Frankrijk, Duitsland, Verenigd Koninkrijk en Brazilië.

De Groep, als leasinggever, heeft activa onder operationele leaseovereenkomsten opgenomen in de balans onder de rubriek 'Overige materiële vaste activa'. Per einde december 2019 bedroeg de nettoboekwaarde van de materiële vaste activa onder operationele leaseovereenkomsten 11 miljoen euro (2018: 9 miljoen euro) (zie toelichting 44).

De bijzondere waardeverminderingsverliezen op machines en technische uitrusting bedragen 27 miljoen euro, waarvan 26 miljoen euro betrekking heeft op de herevaluatie van de netto boekwaarde van machines en technische uitrusting toebehorend aan het segment Offset Solutions (zie toelichting 27.1.1).

De bijzondere waardeverminderingsverliezen op machines en technische uitrusting ten belope van 5 miljoen euro op 31 december 2018 hebben betrekking op de gesloten drukplatenfabriek in Branchburg, VS.

In de loop van 2018 werden er activa ten belope van 10 miljoen euro overgeboekt van terreinen, gebouwen en infrastructuur naar vaste activa aangehouden voor verkoop (zie toelichting 35).

29. RECHT-OP-GEBRUIK ACTIVA

Ingevolge de toepassing van IFRS 16 erkent de Groep als leasingnemer recht-op-gebruik activa, die het gebruiksrecht van het gehuurde actief vertegenwoordigen, en leaseverplichtingen, die de verplichting vertegenwoordigen om toekomstige lease betalingen te verrichten. De Groep maakt gebruik van de optionele vrijstellingen voor leaseovereenkomsten met een leaseperiode van 12 maanden of minder en voor leaseovereenkomsten waarvoor het onderliggend actief een beperkte waarde heeft, zoals het merendeel van de ICT-apparatuur van de Groep.

Bij initiële toepassing van deze standaard per 1 januari 2019, erkende de Groep een bedrag van 104 miljoen euro, voornamelijk toewijsbaar aan terreinen, gebouwen en infrastructuur (73%). Het recht-op-gebruik actief wordt initieel erkend aan kostprijs en vervolgens lineair afgeschreven over de resterende leasetermijn, tenzij de eigendom van het onderliggend actief overgaat naar de leasingnemer aan het einde van de leasetermijn of wanneer de kost van het recht-op-gebruik actief ook de uitoefenprijs van een aankoopoptie omvat. In deze gevallen wordt het recht-op-gebruik actief afgeschreven over de levensduur van het onderliggend actief, in lijn met de methodiek die ook van toepassing is voor materiële vaste activa. Bijkomende informatie over de wijziging in deze IFRS accounting standaard en de implicaties op de jaarrekening van de Groep wordt vermeld in toelichting 5 Verandering in grondslagen voor financiële rapportering.

Onderstaande tabel toont een reconciliatie tussen de openingsbalans bij initiële toepassing van IFRS 16 met de eindbalans per 31 december 2019 voor de recht-op-gebruik activa, uitgesplitst naar categorie. De Groep onderscheidt vier categorieën: 1) terreinen, gebouwen en infrastructuur, 2) personenwagens, 3) overige transportmiddelen, voornamelijk gerelateerd aan onze productie, en 4) overige activa.

MILJOEN EURO Recht-op-gebruik
land, gebouwen,
infrastructuur
Recht-op
gebruik
auto's
Recht-op-gebruik
overige
transportmiddelen
Recht-op
gebruik
overige activa
TOTAAL
Wijzigingen in IFRS waarderingsregels -
openingsbalans 1 januari, 2019
76 26 1 1 104
Nieuw aangegane leaseovereenkomsten 17 25 1 1 43
Herwaarderingen van leaseovereenkomsten 7 (1) - - 5
Aanschaffingswaarde op 31 december 2019 99 49 2 1 151
Wijzigingen in IFRS waarderingsregels -
openingsbalans 1 januari, 2019
- - - - -
Afschrijvingen van het jaar (21) (16) (1) (38)
Bijzondere waardeverminderingsverliezen (4) - - (4)
Geaccumuleerde afschrijvingen en
bijzondere waardeverminderingsverliezen
per 31 december 2019
(25) (15) (1) - (41)
Wijzigingen in IFRS waarderingsregels -
openingsbalans 1 januari, 2019
76 26 1 1 104
Nettoboekwaarde op 31 december 2019 75 33 1 1 110

Nieuwe leasecontracten gesloten in de loop van 2019 bedroegen 43 miljoen euro en betreffen voornamelijk personenwagens. De toename in recht-op-gebruik activa was hierbij gelijk aan de toename in leaseverplichtingen. Bijkomende informatie betreffende de evolutie in leaseverplichtingen wordt vermeld in Toelichting 38. 171 Herwaarderingen van leasecontracten in de loop van 2019 bedroegen 5 miljoen euro en betreffen voornamelijk verlengingen van bestaande leasecontracten.

In 2019 werden waardeverminderingen op recht-op-gebruik activa erkend voor een bedrag van 4 miljoen euro voor verlieslatende contracten. Deze kosten worden deels gecompenseerd door een terugname van een voorziening voor verlieslatende contracten die bestonden op 1 januari 2019, de datum van initiële toepassing van IFRS 16, ten belope van 3 miljoen euro.

30. GEASSOCIEERDE DEELNEMINGEN EN OVERIGE FINANCIËLE ACTIVA

30.1 GEASSOCIEERDE DEELNEMINGEN

Gedurende 2016 verwierf de Groep een aandeel van 26,4% in de onderneming My Personal Health Record Express Inc. (MphRx) teneinde haar positie te versterken op de geïntegreerde zorgmarkt. Het betreden van de geïntegreerde zorgmarkt maakt deel uit van Agfa HealthCare's lange termijnstrategie om het aanbod van de HealthCare IT op de globale markt uit te breiden.

Voor de verwerving van het aandeel van 26,4% in MphRx, een Amerikaans-Indisch bedrijf, heeft de Groep 6 miljoen euro betaald. De geassocieerde deelneming wordt gewaardeerd volgens de 'equity'-methode. Gedurende 2019 werden verliezen ten belope van 0,6 miljoen euro geboekt met betrekking tot het aangehouden aandeel (2018: -0,8 miljoen euro).

Tengevolge van een transactie tot terugkoop van aandelen en een financieringstransactie verlaagde het aandeel dat de Groep aanhoudt in MphRx tot 26,9% einde december 2019 (2018: 27,4%).

Onderstaande tabel geeft de boekwaarde weer van geassocieerde deelnemingen, het aandeel in de winst- en verliesrekening en in de niet-gerealiseerde resultaten alsook samengevatte financiële informatie.

MILJOEN EURO 2018 2019
Boekwaarde van de investering in MphRx, inclusief goodwill 4 4
Nettoverlies van MphRx, na winstbelastingen (2) (2)
Aandeel van de Groep in het nettoverlies van geassocieerde deelnemingen,
na winstbelastingen (2018: 27,4%; 2019: 26,9%)
(0,8) (0,6)
Niet-gerealiseerde resultaten van MphRx, na winstbelastingen - -
Aandeel van de Groep in de niet-gerealiseerde resultaten van geassocieerde
deelnemingen, na winstbelastingen (2018: 27,4%; 2019: 26,9%)
- -
Beknopte financiële informatie van MphRx
Kortlopende activa 1.5 2
Eigen vermogen 0,3 (1,2)
Kortlopende verplichtingen 1,2 2,1
Aandeel van de Groep in het eigen vermogen (2018: 27,4%; 2019: 26,9%) - (0,3)
Goodwill inbegrepen in de boekwaarde van de investering in MphRx 5 5
Boekwaarde van de investering in MphRx 4 4

30.2 FINANCIËLE ACTIVA

Per einde december 2018 en 2019 bevatten financiële activa aan reële waarde via de niet-gerealiseerde resultaten investeringen in genoteerde aandelen. Deze worden gewaardeerd aan reële waarde met waardeveranderingen verwerkt in het eigen vermogen.

MILJOEN EURO 2018 2019
Financiële activa gewaardeerd aan reële waarde met waardeveranderingen in de
niet-gerealiseerde resultaten - eigen-vermogensinstrumenten
7 6
Financiële activa gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs 2 2
TOTAAL 9 8

31. INVORDERBARE MINIMALE LEASEBETALINGEN

Leaseovereenkomsten waarbij de tegenpartij, de leasingnemer, als economische eigenaar van het actief wordt beschouwd, worden opgenomen als vordering voor een bedrag gelijk aan de contante waarde van de toekomstige minimale leasebetalingen. De contante waarden van de toekomstige minimale leasebetalingen bedroegen 98 miljoen euro op 31 december 2019 (2018: 94 miljoen euro) en zullen tot aan het einde van de leaseperiode financieringsbaten voor een bedrag van 9 miljoen euro genereren (2018: 10 miljoen euro). Op 31 december 2019 bedroegen de waardeverminderingen op deze vorderingen 2 miljoen euro (2018: 2 miljoen euro).

De invorderbare, minimale leasebetalingen zijn als volgt:

2018 2019
MILJOEN EURO komstige minimale
Totaal van de toe
leasebetalingen
financieringsbaten
Onverdiende
Contante waarde van
male leasebetalingen
de toekomstige mini
komstige minimale
Totaal van de toe
leasebetalingen
financieringsbaten
Onverdiende
van de toekomstige
Contante waarde
leasebetalingen
minimale
Niet later dan één jaar 36 4 32 39 4 35
Jaar +2 26 3 24 26 3 23
Jaar +3 18 2 17 18 1 17
Jaar +4 11 1 10 12 1 12
Jaar +5 6 - 5 7 - 6
Later dan vijf jaar 6 - 6 4 - 4
TOTAAL 103 10 94 106 9 98
Waardeverminderingen (2) (2)
Invorderbare minimale leasebetalingen 92 96

De Groep sluit voor bepaalde uitrusting financiële leaseovereenkomsten af voornamelijk via Agfa Finance (zijnde Agfa Finance NV, haar filialen, Agfa Finance Corp. en Agfa Finance Inc.) en via Agfa verkooporganisaties in Nieuw-Zeeland, Australië en Zuid-Afrika. Bij het aangaan van de leaseovereenkomst bedraagt de contante waarde van de minimale leasebetalingen doorgaans minstens 90% van de reële waarde van de activa die onder een financiële lease worden aangehouden.

Het overgrote deel van de leaseovereenkomsten afgesloten met Agfa Finance hebben een niet-opzegbare leaseperiode van vier jaar. Meestal voorzien de overeenkomsten in een koopoptie voor het actief na het verstrijken van de leaseperiode aan een waarde die doorgaans tussen de 2% en 5% van de bruto-investering bij het afsluiten van de leaseovereenkomst bedraagt.

In sommige gevallen wordt de reële waarde van het actief terugbetaald door middel van een koopverplichting voor verbruiksgoederen aan een hogere waarde dan hun marktwaarde.

In dit geval dient de toeslag hoog genoeg te zijn om het initieel door de leasinggever geïnvesteerde bedrag te dekken. In deze overeenkomsten kan de toeslag en/of de leaseperiode veranderd worden.

Agfa Finance biedt haar diensten aan via haar dochterondernemingen in Frankrijk en Italië en via haar bijkantoren in Europa (Spanje, Zwitserland, Benelux, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en de Scandinavische landen), via Agfa Finance Corp. in de Verenigde Staten en Agfa Finance Inc. in Canada. Op 31 december 2019 bedroeg de contante waarde van de minimale leasebetalingen voor Agfa Finance vóór verrekening van waardeverminderingen 98 miljoen euro (2018: 93 miljoen euro).

Agfa-verkooporganisaties in Australië, Nieuw-Zeeland en Zuid-Afrika bieden hun klanten financiering aan voor grafische uitrusting met een gemiddelde resterende leaseperiode van twaalf maanden. Op 31 december 2019 bedroeg de contante waarde van de minimale leasebetalingen vóór verrekening van waardeverminderingen minder dan 0,5 miljoen euro (2018: 1 miljoen euro).

In 2019 heeft de Groep een deel van de leaseportfolio ter waarde van 0,5 miljoen euro verkocht (2018: 1,5 miljoen euro). De opbrengst van de verkoop in 2019 bedroeg 0,027 miljoen euro.

32. VOORRADEN

MILJOEN EURO 2018 2019
Grond- en hulpstoffen 73 66
Goederen in bewerking en halfafgewerkte producten 110 103
Afgewerkte producten 46 33
Handelsgoederen inclusief wisselstukken 257 224
Goederen onderweg en andere voorraden 11 10
TOTAAL 498 436

De afwaarderingen van de voorraden naar opbrengstwaarde bedroegen 16 miljoen euro in 2019 (2018: 23 miljoen euro). Deze afwaarderingen hebben betrekking op verouderde, beschadigde of vervallen voorraad. De kost van deze voorraad is volledig afgeschreven.

Bijgevolg heeft de Groep op 31 december 2019 geen voorraden gewaardeerd aan reële waarde minus verkoopkosten.

In de geconsolideerde winst- en verliesrekening zijn de afwaarderingen van de voorraden in de kostprijs van verkopen verwerkt.

33. OVERIGE VORDERINGEN

Overige vorderingen kunnen als volgt voorgesteld worden:

MILJOEN EURO 2018 2019
Overige vorderingen
Nog niet geactiveerde leasecontracten (1) 7 7
Vorderingen ten opzichte van het personeel 1 1
Overige 6 7
TOTAAL 14 15

(1) Leasingmateriaal dat nog niet werd geïnstalleerd bij de klant ter plaatse.

34. GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN

De reconciliatie van geldmiddelen en kasequivalenten zoals gerapporteerd in de geconsolideerde balans kan als volgt worden weergegeven:

MILJOEN EURO 2018 2019
Kas, depositorekeningen en cheques 141 107
Overige kas, depositorekeningen en cheques 141 107
Geldmiddelen en kasequivalenten zoals gerapporteerd
in de geconsolideerde balans
141 107
Negatieve banksaldi
(in de balans opgenomen onder de rubriek 'Rentedragende verplichtingen')
(5) (9)
Geldmiddelen en kasequivalenten zoals weergegeven
in het geconsolideerd kasstroomoverzicht
136 99

35. VASTE ACTIVA AANGEHOUDEN VOOR VERKOOP

De vaste activa aangehouden voor verkoop hebben betrekking op de geplande verkoop van de activa van twee gesloten offset drukplatenfabrieken, in Branchburg, VS, en in Vallese, Italië, beide toebehorend aan het operationele segment Offset Solutions. De verkoop van deze activa was oorspronkelijk gepland voor 2019 maar uitgesteld tot 2020. De boekwaarde van de betreffende terreinen, gebouwen en infrastructuur, werd gewaardeerd aan hun boekwaarde op 31 december 2018. De reële waarde na aftrek van de verkoopkosten is groter dan de boekwaarde.

36. OVERIGE ACTIVA

Overige langlopende en kortlopende activa kunnen als volgt voorgesteld worden:

MILJOEN EURO 2018 2019
Langlopend
Langetermijndienstverleningscontracten met betrekking tot toekomstige boekjaren
(strategische leveranciers)
5 4
Vooruitbetalingen (zie toelichting 46.2 Transacties met andere partijen) 19 19
Totaal langlopend 24 24
Kortlopend
Langetermijndienstverleningscontracten met betrekking tot toekomstige boekjaren
(strategische leveranciers)
13 12
Voorschotten op kosten (voornamelijk mbt douane-expediteurs) 6 1
Waarborgen en bewaargevingen 4 5
Vooruitbetalingen 11 3
Overige - -
Totaal kortlopend 34 21
TOTAAL 58 45

EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN

37. EIGEN VERMOGEN

De diverse componenten van het eigen vermogen evenals de wijzigingen tussen 1 januari 2018 en 31 december 2019 worden weergegeven in de Geconsolideerde Staat van het Eigen Vermogen.

37.1 MAATSCHAPPELIJK KAPITAAL EN UITGIFTEPREMIE

Op 31 december 2019 bedraagt het maatschappelijk kapitaal van de Onderneming 187 miljoen euro, verdeeld over 171.851.042 volstorte gewone aandelen zonder nominale waarde.

37.2 INGEKOCHTE EIGEN AANDELEN

De reserve voor eigen aandelen bevat de kostprijs van de ingekochte eigen aandelen. Per 31 december 2019 hield de Groep 4.099.852 (2018: 4.099.852) eigen aandelen aan.

37.3 REËLE WAARDERESERVE

De reële waardereserve bevat voornamelijk de herwaardering van de deelneming van de Groep in Digital Illustrate Inc. aangeduid als gewaardeerd tegen reële waarde met waardeveranderingen in de niet-gerealiseerde resultaten, dewelke nooit zullen overgeboekt worden naar de winst- en verliesrekening.

37.4 AFDEKKINGSRESERVE

Per 31 december 2019 bevat de afdekkingsreserve het effectief gedeelte van de veranderingen in reële waarde van 'metal swap'-overeenkomsten en van termijnwisselcontracten aangeduid als kasstroomafdekkingen.

Gedurende 2018 en 2019 heeft de Groep een aantal 'metal swap'-overeenkomsten afgesloten met een investeringsbank. Deze contracten werden aangeduid als kasstroomafdekkingen van het risico op prijsschommelingen van de grondstoffen welke zeer waarschijnlijk zullen worden aangekocht. Het betreft contracten die zijn afgesloten voor de levering van grondstoffen en die in overeenkomst zijn met het verwachte verbruik van de Groep.

Het deel van de winsten (verliezen) op de swap-overeenkomsten, dat effectief gebleken is, werd geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten na winstbelastingen (31 december 2019: minus 3 miljoen euro; 31 december 2018: minus 12 miljoen euro).

In de loop van 2019 en 2018 duidde de Groep termijnwisselcontracten aan als kasstroomafdekkingen van het vreemde-valutarisico in pond sterling en US dollar met betrekking tot zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen in die respectieve munten voor de volgende 15 maanden. Het deel van de winsten op de termijnwisselcontracten, dat effectief gebleken is (31 december 2019: 0 miljoen euro; 31 december 2018: 0 miljoen euro), werd geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten na winstbelastingen.

37.5 HERWAARDERING VAN DE NETTOVERPLICHTING UIT HOOFDE VAN DE TOEGEZEGDPENSIOENREGELINGEN

De herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregelingen bevat zowel de impact van de eerste toepassing van de aanpassing aan IAS 19 (2011) en alle erop volgende herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregelingen.

Herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregelingen hebben voornamelijk betrekking op actuariële winsten en verliezen en het rendement op fondsbeleggingen, exclusief de bedragen die vervat zitten in interestopbrengsten op de toegezegdpensioenregelingen.

MILJOEN EURO 31 december
2018
Herwaardering van de
nettoverplichting van toe
gezegdpensioenregelingen
Winstbelastingen 31 december
2019
Toelichting 13 Toelichting 17.4
Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen
Met betrekking tot materiële landen (874) (131) 8 (998)
Met betrekking tot niet-materiële landen (23) (7) - (29)
TOTAAL (897) (138) 8 (1.027)

De evolutie over het jaar 2019 wordt weergegeven in de volgende tabel:

De evolutie van het jaar, na winstbelastingen is een daling van 130 miljoen euro. Uitgestelde belastingen met betrekking tot de herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregelingen worden eveneens geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten. Het effect van winstbelastingen wordt toegelicht in toelichting 17.4.

37.6 VALUTAKOERSVERSCHILLEN

De valutakoersverschillen bevatten zowel de valutakoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van de jaarrekeningen van buitenlandse activiteiten, als de valutakoersverschillen afkomstig uit de omrekening van de verplichting die de netto-investering van de Onderneming in een buitenlandse entiteit afdekt.

Tot mei 2016 maakte de Groep gebruik van termijnwisselverrichtingen uitgedrukt in US dollar om het valutarisico met betrekking tot de netto-investering in één van haar dochterondernemingen in de Verenigde Staten af te dekken. Vanaf mei 2016 heeft de Groep de aanwijzing van indekking van een netto-investering ingetrokken. Het effectieve deel van de winst op de afdekkingsinstrumenten dat rechtstreeks in de niet-gerealiseerde resultaten opgenomen werd (Valutakoersverschillen 31 december 2019: 10 miljoen euro, 31 december 2018: 10 miljoen euro), zal vrijvallen in de winst- en verliesrekening op het moment van afstoting of gedeeltelijke afstoting van de buitenlandse entiteit.

37.7 DIVIDENDEN

In 2018 werd er geen dividend uitbetaald naar aanleiding van de beslissing van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van Agfa-Gevaert NV van 8 mei 2018. In 2019 werd er geen dividend uitbetaald naar aanleiding van de beslissing van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van Agfa-Gevaert NV van 14 mei 2019.

Voor 2020 wordt er geen betaling van dividend voorgesteld door de Raad van Bestuur.

37.8 MINDERHEIDSBELANGEN

Minderheidsbelangen houden een materieel belang aan in negen dochterondernemingen, gesitueerd in Groot-China en de ASEAN-regio (31 december 2019: 46 miljoen euro; 31 december 2018: 37 miljoen euro). In Europa zijn er een paar dochterondernemingen waarin minderheidsbelangen een aandeel aanhouden dat van ondergeschikt belang is voor de Groep (31 december 2019: 1 miljoen euro; 31 december 2018: 1 miljoen euro).

Met ingang van 1 september 2010 bundelen Agfa Graphics NV en haar zakenpartner Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. hun activiteiten, gericht op het versterken van de marktpositie van beide partners in Groot-China en de ASEAN-regio. Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. houdt een participatie aan van 49% in Agfa Graphics Asia Ltd., de holding van de gecombineerde activiteiten van beide partijen.

In de loop van 2019 transfereerde de Groep twee dochtervennootschappen naar Agfa Graphics Asia Ltd, de holding maatschappij van deze gecombineerde activiteiten waardoor het minderheidsbelang steeg met 1 miljoen euro.

In 2019 richtte Agfa Graphics Asia Ltd. een nieuwe vennootschap op, Agfa HuaGuang (Shanghai) Graphics, waarin Lucky HuaGuang Graphics Co. Ltd. een aandeel van 49% heeft. Hierdoor stegen de minderheidsbelangen met 2 miljoen euro.

De dochterondernemingen van Agfa Graphics Asia Ltd. zijn:

  • Agfa (Wuxi) Printing Plate Co., Ltd
  • Agfa ASEAN Sdn. Bhd.
  • Agfa Imaging (Shenzhen) Co. Ltd.
  • Agfa Singapore Pte. Ltd.
  • Agfa Taiwan Co Ltd.
  • Agfa Graphics Shanghai Co. Ltd.
  • Agfa Pty Ltd.
  • OOO Agfa Graphics
  • Agfa HuaGuang (Shanghai) Graphics

Op basis van de analyse van de 'Governance'-structuren die momenteel van kracht zijn, heeft de Groep geoordeeld dat ze controle heeft in de desbetreffende dochterondernemingen.

Het geaccumuleerde bedrag toewijsbaar aan de minderheidsbelangen van Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. en Lucky HuaGuang Graphics Co. Ltd. bedraagt 46 miljoen euro. Het deel van de winst van het jaar dat toebehoort aan de minderheidsbelangen van deze zakenpartners bedraagt 5 miljoen euro.

De volgende tabel geeft de financiële informatie weer voor de dochterondernemingen waarin de zakenpartner, Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd., een minderheidsbelang aanhoudt van 49%, opgesteld in overeenstemming met IFRS. Deze vennootschap werd in 2019 door Agfa Graphics Asia, een onderneming waarin de Groep een belang aanhoudt van 51%, en door Lucky HuaGuang Graphics Co. samen opgericht. Deze laatste houdt een deelnemingspercentage aan van 49% in deze nieuw opgerichte vennootschap. Dit brengt het minderheidsbelang in deze vennootschap op 73,99%. De informatie is voor intercompany eliminaties met andere ondernemingen van de Agfa-Gevaert Groep.

2018 2019
MILJOEN EURO Agfa Graphics Asia Ltd.
en haar dochter
ondernemingen (49%)
Agfa Graphics Asia Ltd.
en haar dochter
ondernemingen (49%)
Agfa HuaGuang
Graphics
(73,99%)
Vlottende activa 66 72 42
Vaste activa 36 70 -
Kortlopende verplichtingen 26 52 38
Langlopende verplichtingen - 3 -
Netto-activa Agfa Graphics Asia Ltd. en haar
dochterondernemingen (geconsolideerd)
76 87 4
Netto-activa toewijsbaar aan minderheidsbelangen
in Agfa Graphics Asia Ltd. en haar
dochterondernemingen (49%)
37 43 -
Netto-activa toewijsbaar aan minderheidsbelangen
in Agfa HuaGuang Graphics (73,99%)
- - 3
Opbrengsten 123 147 61
Winst over het boekjaar 18 11 -
Winst over het boekjaar toewijsbaar aan
minderheidsbelangen in Agfa Graphics Asia Ltd.
en haar dochterondernemingen (49%)
9 5 -
Winst over het boekjaar toewijsbaar aan minderheids
belangen in Agfa HuaGuang Graphics (73,99%)
- - -
Niet-gerealiseerde resultaten : valutakoersverschillen - 1 -
Niet-gerealiseerde resultaten toewijsbaar aan
minderheidsbelangen in Agfa Graphics Asia Ltd.
en haar dochterondernemingen
- - -
Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde
resultaten toewijsbaar aan minderheidsbelangen
in Agfa Graphics Asia Ltd. en haar
dochterondernemingen (49%)
9 5 -
Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde
resultaten toewijsbaar aan minderheidsbelangen
in Agfa HuaGuang Graphics (73,99%)
- - -
Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten 9 8 -
Kasstromen uit investeringsactiviteiten - (18) -
Kasstromen uit financieringsactiviteiten (6) 10 2
Dividenden betaald aan minderheidsbelangen
in het boekjaar (1)
(3) - -

(1) Inbegrepen in kasstromen uit financieringsactviteiten.

37.9 NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN NA WINSTBELASTINGEN

2018

Toewijsbaar aan aandeelhouders
van de Onderneming
MILJOEN EURO Valutakoersverschillen Afdekkingsreserve Reële waardereserve de nettoverplichting uit
hoofde van toegezegd
pensioenregelingen
Herwaardering van
TOTAAL Minderheidsbelangen TOTAAL NIET-GEREALISEERDE
RESULTATEN
Valutakoersverschillen voor buitenlandse activiteiten (1) - - - (1) - (1)
Nettowinst (verlies) op de afdekking van de netto-investering
in een buitenlandse activiteit, na winstbelastingen
- - - - - - -
Valutakoersverschillen geherclasseerd naar de winst
en verliesrekening ten gevolge van de stopzetting van
een buitenlandse activiteit
- - - - - - -
Effectief gedeelte van reële waardeveranderingen
van derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen,
na winstbelastingen
- (15) - - (15) - (15)
Nettoverandering in de reële waarde van kasstroom
afdekkingen die is overgeboekt naar de winst- en
verliesrekening, na winstbelastingen
- (3) - - (3) - (3)
Nettoverandering in de reële waarde van kasstroom
afdekkingen die is overgeboekt naar de initiële boekwaarde
van het afgedekte actief, na winstbelastingen
- (4) - - (4) - (4)
Reële waardeveranderingen van eigenvermogens
instrumenten aangehouden aan reële waarde met
waardeveranderingen in de niet-gerealiseerde resultaten
- - (2) (2) - (2)
Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van
toegezegdpensioenregelingen, na winstbelastingen
- - - 26 26 - 26
Niet-gerealiseerde resultaten na winstbelastingen (1) (22) (2) 26 1 - 1
Toewijsbaar aan aandeelhouders
van de Onderneming
MILJOEN EURO Valutakoersverschillen Afdekkingsreserve Reële waardereserve hoofde van toegezegd
Herwaardering van de
nettoverplichting uit
pensioenregelingen
TOTAAL Minderheidsbelangen TOTAAL NIET-GEREALISEERDE
RESULTATEN
Valutakoersverschillen voor buitenlandse activiteiten 7 - - - 7 - 7
Nettowinst (verlies) op de afdekking van de netto-investering
in een buitenlandse activiteit, na winstbelastingen
- - - - - - -
Valutakoersverschillen geherclasseerd naar de winst- en
verliesrekening ten gevolge van de stopzetting van een
buitenlandse activiteit
- - - - - - -
Effectief gedeelte van reële waardeveranderingen
van derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen,
na winstbelastingen
- (7) - - (7) - (7)
Nettoverandering in de reële waarde van kasstroom
afdekkingen die is overgeboekt naar de winst- en
verliesrekening, na winstbelastingen
- 3 - - 3 - 3
Nettoverandering in de reële waarde van kasstroom
afdekkingen die is overgeboekt naar de initiële boekwaarde
van het afgedekte actief, na winstbelastingen
- 14 - - 14 - 14
Reële waardeveranderingen van eigenvermogens
instrumenten aangehouden aan reële waarde met
waardeveranderingen in de niet-gerealiseerde resultaten
- - (1) - (1) - (1)
Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van
toegezegdpensioenregelingen, na winstbelastingen
- - (131) (131) - (131)
Niet-gerealiseerde resultaten na winstbelastingen 7 10 (1) (131) (115) - (115)

2019

38. RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN

MILJOEN EURO 2018 2019
Langlopende rentedragende verplichtingen 219 225
'Revolving'-kredietfaciliteit 219 149
Verplichtingen uit lease-overeenkomsten - 75
Kortlopende rentedragende verplichtingen 66 101
EIB-lening 6 -
Overige bankschulden 13 56
Obligatieleningen 42 -
Negatieve banksaldi 5 9
Verplichtingen uit lease-overeenkomsten - 37
TOTAAL RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN 285 326

38.1 'REVOLVING'-KREDIETFACILITEIT

In de loop van 2015 hernieuwde de Onderneming de 'revolving'-kredietfaciliteit voor een periode tot juli 2021. Het notioneel bedrag van deze faciliteit bedraagt 400 miljoen euro. Geldopnames onder deze kredietlijn worden gedaan voor korte periodes maar de Groep heeft, onder de bestaande herfinancieringovereenkomst, de mogelijkheid om de leningen te verlengen voor langere periodes na balansdatum. Er werden geen waarborgen verstrekt voor de kredietopeningen.

Op 31 december 2019 bedragen de opnames onder deze faciliteit 150 miljoen euro (2018: 220 miljoen euro). Transactiekosten voor een bedrag van 1 miljoen euro werden geboekt in mindering van de initiële boekwaarde van de financiële verplichting en worden gespreid in winst- en verliesrekening geboekt volgens de effectieve interestmethode. 180

De verdeling over de diverse looptijden is als volgt:

MILJOEN EURO Nominaal bedrag Opgenomen bedrag Rentevoet
Eindvervaldag 2018 2019 2018 2019 Munt 2018 2019
2021 400 400 219 149 EUR 1,1% 1,3%
TOTAAL 400 400 219 149

38.2 LEASEVERPLICHTINGEN

De Groep gaat leaseverplichtingen aan voor gebouwen (kantoorgebouwen en opslagruimtes), bedrijfswagens en ander transportmateriaal (vorkheftrucks), en overig materiaal zoals computeruitrusting.

De leaseverplichtingen voor gebouwen bevatten zowel de jaarlijks vernieuwbare contracten met opties om de lease te vernieuwen als de contracten met looptijden die over een langere periode vastgeklikt zijn. De leaseverplichtingen met betrekking tot gebouwen bedragen 75 miljoen euro zijnde 67% van de totale leaseverplichtingen van de Groep en hebben een gemiddelde resterende looptijd van drie jaar. De leaseverplichtingen met betrekking tot bedrijfswagens lopen over een periode van vier tot vijf jaar en bedragen 30% van de totale leaseverplichtingen van de Groep. Leaseverplichtingen voor overig materiaal bedragen 3% van den totale leaseverplichtingen en betreffen voornamelijk vorkheftrucks, printers, verpakkingsmateriaal, enz.

De leaseverplichtingen hebben volgende eindvervaldagen:

MILJOEN EURO 2019
Eindvervaldag Opgenomen bedrag impliciete rentevoet van de
lease-overeenkomst
< 1 jaar 37 3,6%
tussen 1 - 5 jaar 64 3,7%
> 5 jaar 11 4,4%
TOTAAL 112

De leaseverplichtingen omvatten geen kosten met betrekking tot leasecontracten met een lage waarde, met betrekking tot leasecontracten met een looptijd van minder dan 12 maanden en overige kosten die buiten de omvang van de standaard vallen. Deze kosten bedragen 17 miljoen euro.

38.3 BANKSCHULDEN

Bankschulden bevatten kortlopende rentedragende verplichtingen met een gewogen gemiddelde interestvoet van 3%.

38.4 OBLIGATIELENING

In de loop van 2019 werd de obligatielening, oorspronkelijk uitgegeven in 2005 en geruild in een openbaar ruilbod in 2014, terugbetaald. Het uitstaande bedrag dat werd terugbetaald bedroeg 42 miljoen euro.

38.5 RECONCILIATIE VAN DE VERANDERINGEN IN VERPLICHTINGEN UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN MET DE KASSTROMEN UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN

De tabel detailleert veranderingen in verplichtingen uit financieringsactiviteiten in kasstromen uit financieringsactiviteiten en niet-kasbewegingen. Verplichtingen uit financieringsactiviteiten betreffen verplichtingen waarvan de kasstromen geclassificeerd zijn of zullen worden in kasstromen uit financieringsactiviteiten in het geconsolideerde kasstroomoverzicht.

Kasstromen uit
financieringsactiviteiten
Niet-kasbewegingen
MILJOEN EURO Boekwaarde per
1 januari 2019
Veranderingen in
IFRS regelgeving
Betaalde rente Terugbetalingen van
leningen - netto
Opnames /
Nieuwe lease-overeen
komsten
Valutakoersverschillen leaseovereenkomsten
Herwaardering van
Financieringskosten op
financiële schulden
31 december 2019
Boekwaarde per
'Revolving'-kredietfaciliteit 219 - (2) (70) - - - 2 149
EIB-lening 6 - - (6) - - - - -
Overige bankschulden 13 - (6) 44 - (1) - 6 56
Obligatieleningen 42 - (2) (42) - - - 1 -
Verplichtingen uit
leaseovereenkomsten
- 104 - (42) (1) 43 - 5 3 112
Negatieve banksaldi (2) 5 - - 4 (2) - - - - 9
Totaal rentedragende
verplichtingen
285 104 (10)(3) (112) 43 (1) 5 13 326

(1) Betaalde rente in het geconsolideerd kasstroomoverzicht bevat betaalde interesten gerelateerd aan de netto financiële schuldpositie (10 miljoen euro) en betaalde rente op belastingsverplichtingen en overige verplichtingen (4 miljoen euro) en op kas en kasequivalenten (1 miljoen euro).

(2) Opnames en terugbetalingen van negative banksaldi zit in het geconsolideerde kasstroomoverzicht vervat in de lijn kasmiddelen en kasequivalenten per einde boekjaar.

(3) Betaalde intresten uit het kasstroomoverzicht omvatten betaalde intresten op de netto financiële schuld (10 miljoen euro), betaalde intresten op belastingverplichtingen en overige verplichtingen (4 miljoen euro) en betaalde intresten op kasmiddelen en kasequivalenten (1 miljoen euro).

39. VOORZIENINGEN

De voorzieningen bedroegen 50 miljoen euro op 31 december 2019 (2018: 61 miljoen euro).

MILJOEN EURO Milieu
voorzieningen
Omzetgerelateerde
voorzieningen
Herstructureringen Andere TOTAAL
Voorzieningen per 31 december 2018 3 28 18 12 61
Voorzieningen aangelegd in de loop
van het boekjaar
1 0 24 1 27
Aanwending van voorzieningen in
de loop van het boekjaar
(1) (3) (30) (2) (36)
Terugname van voorzieningen in
de loop van het boekjaar
- - - (3) (3)
Valutakoersverschillen - - - - -
Overboekingen - - - 1 -
Voorzieningen per 31 december 2019 3 25 12 9 50

De voorzieningen met betrekking tot milieubescherming dekken toekomstige aanpassingswerken van terreinen en de sanering van bodems die zijn verontreinigd door vroegere industriële activiteiten. Opbrengstgerelateerde voorzieningen op balansdatum evenals de bijhorende bewegingen in de loop van het boekjaar omvatten voornamelijk voorzieningen wegens commissies betaalbaar aan agenten, voorzieningen voor garantieverplichtingen en commerciële betwistingen. Voorzieningen voor herstructureringen omvatten voornamelijk ontslagvergoedingen voor het personeel. Andere voorzieningen omvatten een provisie voor de ontmanteling van een fabriek voor drukvoorbereidingssystemen in Duitsland, voorzieningen voor rechtszaken (inclusief advocatenkosten) en een voorziening in verband met betwistingen over invoerrechten.

In 2019 werd een provisie voor leegstaande gebouwen tegengedraaid als compensatie voor een bijzonder waardeverminderingsverlies op recht-op-gebruik activa (zie toelichting 29).

40. HANDELSSCHULDEN EN OVERIGE TE BETALEN POSTEN

De overige te betalen posten op 31 december 2019 bedroegen 9 miljoen euro en omvatten voornamelijk toegerekende niet-vervallen rente op verplichtingen, verplichtingen aan het personeel wegens compensaties voor door hen gemaakte reis- en andere kosten. De overige te betalen posten op 31 december 2018 bedroegen 17 miljoen euro en omvatten voor 13 miljoen euro de uitgestelde overnameprijs met betrekking tot de acquisitie van Ipagsa (Ipagsa Technologies S.L.U. en Ipagsa (Shanghai) Printing Materials Co Ltd. Verdere informatie is te vinden in toelichting 19 Overnames.

41. OVERIGE VERPLICHTINGEN

De overige verplichtingen, kortlopend en langlopend op 31 december 2019, bedroegen 3 miljoen euro en omvatten voornamelijk overheidssubsidies.

LIJST VAN DOCHTERONDERNEMINGEN

42. INVESTERINGEN IN DOCHTERONDERNEMINGEN

De moedermaatschappij van de Groep, Agfa-Gevaert NV (BE 0404 021 727), Mortsel (België), is de moedermaatschappij van de volgende belangrijke dochterondernemingen:

Geconsolideerde ondernemingen, 31 december 2019
Naam van de onderneming Locatie Deelnemings-%
Agfa (Pty.) Ltd. Isando/Republiek Zuid-Afrika 100
Agfa (Wuxi) Imaging Co., Ltd. Wuxi/Volksrepubliek China 99,16
Agfa (Wuxi) Printing Plate Co. Ltd. Wuxi/Volksrepubliek China 51
Agfa ASEAN Sdn. Bhd. Kuala Lumpur/Maleisië 51
Agfa Corporation Elmwood Park/Verenigde Staten van Amerika 100
Agfa de Mexico S.A. de C.V. Mexico D.F./Mexico 100
Agfa Finance Corp. Wilmington/Verenigde Staten van Amerika 100
Agfa Finance Inc. Toronto/Canada 100
Agfa Finance Italy SpA Milaan/Italië 100
Agfa Finance NV - BE 0436 501 879 Mortsel/België 100
Agfa Finco NV - BE 0810 156 470 Mortsel/België 100
Agfa Graphics Argentina S.A. Buenos Aires/Argentinië 100
Agfa Graphics Asia Ltd. Hong Kong/Volksrepubliek China 51
Agfa Graphics Ecuador CIA. LTDA Quito/Ecuador 100
Agfa Graphics Ltd. Leeds/Verenigd Koninkrijk 100
Agfa Middle East FCZO Dubai/Verenigde Arabische Emiraten 100
Agfa NV - BE 0456 366 588 Mortsel/België 100
Agfa Graphics S.r.l. Milaan/Italië 100
Agfa HealthCare AG Dübendorf/Zwitserland 100
Agfa HealthCare Argentina S.A. Buenos Aires/Argentinië 100
Agfa HealthCare Australia Limited Scoresby/Australië 100
Agfa HealthCare Brasil Importacao e Servicos Ltda. Sao Paulo/Brazilië 100
Agfa HealthCare Chile Ltda. Santiago de Chile/Chili 100
Agfa HealthCare Colombia Ltda. Bogota/Colombië 100
Agfa HealthCare Corporation Greenville/Verenigde Staten van Amerika 100
Agfa HealthCare Denmark A/S Kopenhagen/Denemarken 100
Agfa HealthCare France S.A. Artigues près Bordeaux/Frankrijk 100
Agfa HealthCare Equipments Portugal Lda. Sintra/Portugal 100
Agfa HealthCare Finland Oy AB Espoo/Finland 100
Agfa HealthCare Germany GmbH Düsseldorf/Duitsland 100
Agfa HealthCare Ges.mbH Wenen/Oostenrijk 100
Agfa HealthCare GmbH Bonn/Duitsland 100
Agfa HealthCare Hellas A.E.B.E. Athene/Griekenland 100
Agfa HealthCare Hong Kong Ltd. Hong Kong/Volksrepubliek China 100
Agfa HealthCare Hungary Kft. Boedapest/Hongarije 100
Agfa HealthCare Imaging Agents GmbH Bonn/Duitsland 100
Agfa HealthCare Inc. Mississauga/Canada 100
Agfa HealthCare India Private Ltd. Thane/Indië 100
Agfa HealthCare Luxembourg S.A. Bertrange/Luxemburg 100
Agfa HealthCare Malaysia Sdn. Bhd. Kuala Lumpur/Maleisië 100
Agfa HealthCare Mexico S.A. de C.V. Mexico D.F./Mexico 100
Agfa HealthCare Norway AS Oslo/Noorwegen 100
Agfa HealthCare NV - BE 0403 003 524 Mortsel/België 100
Agfa HealthCare Saudi Arabia Company Limited LLC Riyadh/Saoedi-Arabië 100
Agfa HealthCare (Shanghai) Co Ltd. Shanghai/Volksrepubliek China 100
Agfa HealthCare Singapore Pte. Ltd. Singapore/Republiek Singapore 100
Agfa HealthCare South Africa Pty. Ltd. Gauteng/Republiek Zuid-Afrika 100
Agfa HealthCare Spain S.A.U. Barcelona/Spanje 100
Agfa HealthCare Sweden AB Kista/Zweden 100
Agfa HealthCare UK Limited Brentford/Verenigd Koninkrijk 100
Agfa Imaging (Shenzhen) Co. Ltd. Shenzhen/Volksrepubliek China 51
Agfa Inc. Mississauga/Canada 100
Agfa Industries Korea Ltd. Seoul/Korea 100
Agfa Limited Dublin/Ierland 100
Agfa Materials Corporation Wilmington/Verenigde Staten van Amerika 100
Agfa Materials Japan Ltd. Tokyo/Japan 100
Agfa Materials Taiwan Co. Ltd. Taipei/Taiwan 100
Agfa Scots Ltd. Edinburgh/Verenigd Koninkrijk 100
Agfa Singapore Pte. Ltd. Singapore/Republiek Singapore 51
Agfa Solutions SAS Rueil-Malmaison/Frankrijk 100
Agfa Sp. z.o.o. Warschau/Polen 100
Agfa Taiwan Co. Ltd. Taipei/Taiwan 51
Agfa-Gevaert A.E.B.E. Athene/Griekenland 100
Agfa-Gevaert Aktiengesellschaft für Altersversorgung Düsseldorf/Duitsland 100
Agfa-Gevaert Argentina S.A. Buenos Aires/Argentinië 100
Agfa-Gevaert B.V. Rijswijk/Nederland 100
Agfa-Gevaert Colombia Ltda. Bogota/Colombië 100
Agfa-Gevaert do Brasil Ltda. Sao Paulo/Brazilië 100
Agfa-Gevaert Graphic Systems GmbH Düsseldorf/Duitsland 100
Agfa-Gevaert HealthCare GmbH Düsseldorf/Duitsland 100
Agfa-Gevaert Japan, Ltd. Tokyo/Japan 100
Agfa-Gevaert Limited Scoresby/Australië 100
Agfa-Gevaert Limited Brentford/Verenigd Koninkrijk 100
Agfa-Gevaert Ltda. Santiago De Chile/Chili 100
Agfa-Gevaert GmbH Düsseldorf/Duitsland 100
Agfa-Gevaert NZ Ltd. Auckland/Nieuw-Zeeland 100
Agfa-Gevaert S.A. Pont-à-Marcq/Frankrijk 99,99
Agfa-Gevaert S.p.A. Milaan/Italië 100
Agfa HealthCare Imaging Agents France S.r.l. Marcq en Baroeul/Frankrijk 100
Lastra Attrezzature S.r.l. Manerbio/Italië 60
Litho Supplies (UK) Ltd. Derby/Verenigd Koninkrijk 100
Luithagen NV - BE 0425 745 668 Mortsel/België 100
New ProImage America Inc. Princeton/Verenigde Staten van Amerika 100
New ProImage Ltd. Netanya/Israël 100
OOO Agfa Graphics Moskou/Russische Federatie 100
OOO Agfa Moskou/Russische Federatie 100
Agfa HealthCare Algérie Sarl Alger/Algerië 100
Agfa HealthCare Kazakhstan LLP Almaty/Republiek Kazakhstan 100
Agfa HealthCare Ukraine LLC Kiev/Oekraïne 100
PT Gevaert-Agfa HealthCare Indonesia Jakarta/Indonesië 100
Agfa HealthCare IT Brasil Servicis E Serviços Ltda. Barueri/Brazilië 100
Bodoni Systems Middlesex/Verenigd Koninkrijk 100
Agfa HealthCare Middle East FZ-LLC Dubai/Verenigde Arabische Emiraten 100
Agfa HealthCare IT UK Limited Middlesex/Verenigd Koninkrijk 100
Agfa South Africa (Pty) Ltd. Gauteng/Republiek Zuid-Afrika 100
Agfa Australia Pty Ltd. Scoresby/Australië 100
Agfa Canada Inc. Mississauga/Canada 100
Agfa US Corp. Greenville/Verenigde Staten van Amerika 100
Ipagsa Technologies S.L.U. Barcelona/Spanje 100
Agfa Graphics Shanghai Co. Ltd. Shanghai/Volksrepubliek China 51
Inovelan S.A. Saint-André-lez-Lille/ Frankrijk 100
Agfa HealthCare IT (Shanghai) Co Ltd Shanghai/Volksrepubliek China 100
Agfa Hong Kong Ltd. Hong Kong/Volksrepubliek China 100
Agfa HealthCare Vietnam Co. Ltd. Ho Chi Minh City/Vietnam 100
Ipagsa (Shanghai) Printing Materials Co Ltd Shanghai/Volksrepubliek China 100
Agfa HuaGuang (Shanghai) Graphics Equipment Ltd. Shanghai/Volksrepubliek China 26,01

43. INVESTERINGEN VERWERKT VOLGENS DE 'EQUITY'- METHODE

Investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode per 31 december 2019
Naam van de onderneming Locatie Deelnemings-%
My Personal Health Record Express Inc. New York/Verenigde Staten van Amerika 26,87

OVERIGE INFORMATIE

44. OPERATIONELE LEASEOVEREENKOMSTEN

Binnen het segment HealthCare IT biedt de Groep diensten aan onder een 'Software as a service'-model ('Saas'). Dit zijn modellen waarbij hardware, software en diensten aangeboden worden aan klanten op basis van een betaal-per-gebruik systeem of op basis van een maandelijkse of jaarlijkse fee. Deze modellen worden aangeboden ofwel ter plekke bij de klant, ofwel vanop afstand of een combinatie van beiden. De Groep garandeert het beheer van het systeem over de contractuele periode en biedt dagelijks onderhoud, ondersteuning en technische handelingen aan aan de klanten. Deze contracten kunnen een operationele leasecomponent bevatten. De lease-inkomsten gerelateerd aan deze component bedroegen 6 miljoen euro in 2019 en werden in Opbrengsten erkend op basis van het gebruik of consumptie door de klant.

De Groep biedt tevens 'bundle deals' aan, zijnde contracten waarbij apparatuur gefinancierd wordt door een verhoogde prijs op consumptiegoederen. Deze contracten kunnen een operationele leasecomponent bevatten. De lease-inkomsten gerelateerd aan deze component worden in Opbrengsten erkend op basis van de aankoop van de consumptiegoederen.

Het totaal van activa in operationele leasecontracten op de geconsolideerde balans bedragen 11 miljoen euro per 31 december 2019 (zie toelichting 28).

45. VERBINTENISSEN EN BUITENBALANSVERPLICHTINGEN

45.1 VOORWAARDELIJKE VERPLICHTINGEN

De voorwaardelijke verplichtingen vloeiden volledig voort uit verbintenissen aan derden gegeven en omvatten:

MILJOEN EURO 2018 2019
Bankgaranties 41 37
Andere 1 1
Bedrijfsgaranties 490.902 406.754
TOTAAL 490.944 406.792

Bedrijfsgaranties betreffen door de onderneming gegeven garanties namens haar dochtervennootschappen aan banken en hebben voornamelijk betrekking op de 'revolving'-kredietfacilitiet (zie toelichting 38.1) en andere genegocieerde kredietlijnen.

Er zijn in 2019 geen aankoopverplichtingen in het kader van belangrijke investeringsprojecten waarvoor de respectieve contracten al werden toegekend of de orders werden geplaatst (2018: 1 miljoen euro).

45.2 JURIDISCHE RISICO'S/VOORWAARDELIJKE VERPLICHTINGEN

De Groep is momenteel niet betrokken in een of ander groot geschil, met uitzondering van het geschil in verband met de insolvabiliteit van AgfaPhoto.

AgfaPhoto

In verband met de verkoop van de Consumer Imaging activiteiten van (toenmalige) Agfa-Gevaert AG en van sommige van haar (toenmalige) dochtervennootschappen in 2004 had de Groep diverse contractuele relaties afgesloten met AgfaPhoto Holding GmbH, Agfa-Photo GmbH en hun dochtervennootschappen in verschillende landen (de AgfaPhoto Groep). Daarbij werd voorzien in de overdracht van haar Consumer Imaging activiteiten, inbegrepen activa, verplichtingen, contracten en personeel naar de vennootschappen behorende tot de AgfaPhoto Groep.

Na de verkoop werd een aanvraag tot faillissement ingediend door AgfaPhoto GmbH en een aantal van haar dochtervennootschappen zowel in Duitsland als in andere landen. In verschillende landen werden gerechtelijke procedures tegen de Groep ingespannen. Deze procedures zijn intussen afgesloten, met uitzondering van het volgende geschil.

In verband met deze verkoop diende de curator van AgfaPhoto GmbH verschillende aanvragen tot arbitrage in bij het ICC Internationale Arbitragehof in Parijs, Frankrijk. In de laatste nog hangende arbitrageprocedure vorderde de curator een vergoeding voor vermeende onderkapitalisatie van AgfaPhoto GmbH alsmede voor het vermeende veroorzaken van het faillissement van AgfaPhoto GmbH. In een einduitspraak dd. 31 mei 2018 heeft het ICC Tribunaal alle vorderingen van de curator afgewezen en hem de verplichting opgelegd om Agfa voor een zeer belangrijk deel van de kosten van Agfa in deze arbitrageprocedure te vergoeden. In oktober 2018 heeft de curator voor een Duitse rechtbank ("Oberlandesgericht Frankfurt/Main" of "OLG") een verzoek tot nietigverklaring van de arbitrale einduitspraak ingediend. Bij vonnis dd. 16 januari 2020 heeft het OLG de arbitrale einduitspraak dd. 31 mei 2018 nietig verklaard. De betrokken Agfa-vennootschappen hebben tegen dit vonnis hoger beroep aangetekend voor het "Bundesgerichtshof" ("BGH").

Overige

Andere juridische risico's van de Groep betreffen een geschil met een voormalige verdeler van producten van de Groep in Bolivië, die een compensatie claimt voor contractbreuk. De Groep meent dat het in haar verweer in dit geschil over voldoende argumenten beschikt en verdedigt haar belangen krachtdadig.

46. INFORMATIEVERSCHAFFING OVER VERBONDEN PARTIJEN

46.1 TRANSACTIES MET BESTUURDERS EN LEDEN VAN HET EXECUTIVE MANAGEMENT (MANAGERS OP SLEUTELPOSITIES)

Het totaal van de beloningen voor managers op sleutelposities (exclusief patronale sociale bijdragen) opgenomen in de winst- en verliesrekening bedraagt:

2018 2019
MILJOEN EURO Bestuurders Executive
Management
Bestuurders Executive
Management
Kortlopende personeelsbeloningen 0,5 4,1 0,6 4,2
Ontslagvergoedingen - 1,3 - -
Vergoedingen na uitdiensttreding - 0,2 - 0,2
Op aandelen gebaseerde betalingen - - - -
TOTAAL 0,5 5,7 0,6 4,4

Op 31 december 2019 waren er geen uitstaande leningen ten behoeve van managers op sleutelposities. De verplichtingen voor vergoedingen na uitdiensttreding voor de leden en de gepensioneerde leden van het Executive Management, opgenomen in de geconsolideerde balans op 31 december 2019, bedragen 17 miljoen euro.

Het totaal van de beloningen voor managers op sleutelposities is ook inbegrepen in het Remuneratieverslag p. 236-241.

46.2 TRANSACTIES MET ANDERE PARTIJEN

Transacties met verwante partijen betreffen voornamelijk handelstransacties.

De Groep en haar zakenpartner Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. hebben hun activiteiten gebundeld vanaf 2010, gericht op het versterken van de marktpositie van beide partners in Groot-China en de ASEAN-regio. Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. heeft een participatie van 49% in Agfa Graphics Asia Ltd., de holding van de gecombineerde activiteiten van beide partijen.

In de loop van 2019 transfereerde de Groep twee dochtervennootschappen naar Agfa Graphics Asia Ltd. In 2019 richtte Agfa Graphics Asia Ltd. een nieuwe vennootschap op, Agfa HuaGuang (Shanghai) Graphics, waarin Lucky HuaGuang Graphics Co. Ltd. een aandeel van 49% heeft. Deze strategische alliantie moet beide partners toelaten groei te realiseren door optimalisering van hun sterktes met betrekking tot productie, technologie en distributie van offset producten en diensten.

Zie ook toelichting 37.8 Minderheidsbelangen.

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de transactiewaarde en het openstaand saldo tussen de Groep en haar verbonden partijen Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. en Lucky HuaGuang Graphics Co. Ltd. In de loop van 2019 verwierf Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. een dividend van 0,3 miljoen euro (49%).

Transactiewaarde per jaareinde Openstaand saldo per jaareinde
MILJOEN EURO 2018 2019 2018 2019
Verkopen aan Shenzhen Brother Gao Deng
Investment Group Co. Ltd.
22 22 5 4
Verkopen aan Lucky HuaGuang Graphics Co. Ltd. 7 1
Aankopen van Shenzhen Brother Gao Deng
Investment Group Co. Ltd.
9 78 1 2
Aankopen van Lucky HuaGuang Graphics Co. Ltd. 68 28
Dividend 3 0,3 -
Voorschot 25 26 25 24

Voorschotten met een openstaand saldo van 24 miljoen euro betreffen leveranciersvoorschotten aan ondernemingen van de Shenzhen Brother Gao Deng groep voor wiens rekening de filmconversie plaatsvindt en via wie ook aluminium wordt aangekocht. Een voorschot met een openstaand saldo van 19 miljoen euro wordt terugbetaald op basis van toekomstige filmvolumes geleverd aan Agfa Graphics Asia Ltd. In de geconsolideerde balans van de Groep wordt dit voorschot gerapporteerd als Overige activa (zie toelichting 36). Overige openstaande voorschotten bedragen 5 miljoen euro en worden terugbetaald op basis van toekomstige aankopen van aluminium.

47. GEBEURTENISSEN NA BALANSDATUM

De Onderneming heeft de gebeurtenissen na balansdatum tot 24 maart 2020, zijnde de dag dat de geconsolideerde financiële staten worden goedgekeurd voor publicatie, in overweging genomen. Volgend op 31 december 2019, in de loop van het eerste kwartaal brak een globale COVID-19 pandemie uit. De looptijd en de intensiteit van deze pandemie, die de werkzaamheden van de onderneming verstoort, is nog onzeker. Een speciaal opgerichte werkgroep geleid door het Executive Management volgt deze globale crisis van zeer nabij op, en stuurt de operationele activiteiten van de Onderneming bij in lijn met de door de nationale en regionale overheden opgelegde maatregelen en met de evolutie van de consumentenvraag in de markten waar de Onderneming operationeel is. Het Executive Management beoordeelt dat de opgelegde restrictieve maatregelen voor de bestrijding van de pandemie een significante impact zullen hebben op het tweede kwartaal van 2020 alsook op de volgende kwartalen, afhankelijk van de duur en de striktheid van deze beperkende maatregelen. De impact op de operationele activiteiten van Agfa in de twee domeinen waarin de Groep opereert zijnde de gezondheidszorg enerzijds en de markt van de drukkerijsystemen anderzijds wordt op een verschillende manier ingeschat. De markt van de gezondheidszorg is veerkrachtig en niet-cyclisch. In de voorbije maanden heeft Agfa de zorgverleners belevert op elke manier mogelijk teneinde hen in staat te stellen om deze situatie het hoofd te bieden. Vandaar dat het bedrijfsrisico en de impact van dit alles op deze activiteiten eerder beperkt zal zijn en eerder een uitstel naar latere datum van projectimplementaties teweeg zal brengen. Momenteel ziet men zelfs een stijging in de vraag naar producten en diensten uit het gamma van de Radiology, gedreven door noodsituaties in landen geaffecteerd door COVID-19 en evenzeer gedreven door een opflakkering van de bedrijfsactiviteiten in China.

Voor wat betreft de markt van de drukkerijen, aan de andere kant, verwacht de Onderneming een significante impact op de Groep haar activiteiten in de commerciële en digitale drukkerijsystemen voor 'sign & display' omdat deze activiteiten direct gelinkt zijn aan de organisatie van evenementen en commerciële acties die zwaar getroffen zijn door de 'lock down'-maatregelen in de verschillende landen en regio's.

Op basis van de bovenvermelde analyse van de mogelijkse effecten op de bedrijfsactiviteiten van de Groep en de reflectie van dit alles op de resultaten, balans en kasstromen, is het management er sterk van overtuigd dat er zich geen problemen stellen met het oog op de voortzetting van de Onderneming.

48. INFORMATIE MET BETREKKING TOT DE OPDRACHTEN EN HONORARIA VAN DE COMMISSARIS

De honoraria met betrekking tot audit en aan audit gerelateerde prestaties geleverd door KPMG Bedrijfsrevisoren en zijn netwerk kan als volgt gedetailleerd worden:

EURO 2018 2019
Bezoldiging van de commissaris voor de uitoefening van een mandaat van commissaris
voor de Vennootschap en de Groep (België)
771.129 784.851
Bezoldiging van de commissaris voor uitzonderlijke werkzaamheden of bijzondere opdrachten
uitgevoerd voor de Vennootschap en de Groep:
Andere controle 178.210 373.051
Belastingadvies -
Andere opdrachten buiten de revisorale
SUBTOTAAL 949.339 1.157.902
Bezoldigingen van personen met wie de commissaris verbonden is voor de uitoefening
van een mandaat van commissaris voor de Groep (Buitenlandse vennootschappen)
969.497 1.102.348
Bezoldiging van personen met wie de commissaris verbonden is voor uitzonderlijke werkzaamheden
of bijzondere opdrachten uitgevoerd voor de Groep (België en buitenlandse vennootschappen)
Andere controle 65.013 65.038
Belastingadvies 102.432 82.658
Andere opdrachten buiten de revisorale 393.250 1.522.862
SUBTOTAAL 1.530.192 2.772.906
TOTAAL 2.479.531 3.930.808

De honoraria voor de audit van de financiële staten bevatten honoraria voor de audit van de geconsolideerde jaarrekening alsook de honoraria voor de audit van de financiële staten van dochterondernemingen in België en in het buitenland. De andere opdrachten buiten de revisorale omvatten adviesverlening in het kader van speciale opdrachten.

WAARDERINGSREGELS

49. WAARDERINGSBASIS

De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld op basis van historische kostprijs, met uitzondering van de volgende van materieel belang zijnde balansposten:

  • Afgeleide financiële instrumenten worden gewaardeerd aan reële waarde;
  • Niet-afgeleide financiële activa gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening worden gewaardeerd aan reële waarde;
  • Investeringen in aandelen en schuldinstrumenten aan reële waarde via de niet-gerealiseerde resultaten worden gewaardeerd aan reële waarde;
  • Uitgestelde overnameprijs bij verwervingen van ondernemingen wordt gewaardeerd aan reële waarde;
  • Verplichtingen voor op aandelen gebaseerde betalingen worden gewaardeerd aan reële waarde;
  • Activa met betrekking tot toegezegdpensioenregelingen en andere pensioenplannen worden gewaardeerd aan reële waarde; en
  • De contante waarde van de brutoverplichtingen uit toegezegdpensioenregelingen wordt bepaald volgens de 'projected unit credit'-methode.

50. GRONDSLAGEN VOOR FINANCIËLE VERSLAGGEVING

50.1 CONSOLIDATIEPRINCIPES

50.1.1 Bedrijfscombinaties

Bedrijfscombinaties worden verwerkt op basis van de overnamemethode op overnamedatum, zijnde de datum waarop de zeggenschap overgaat naar de Groep. De Groep heeft zeggenschap over een entiteit indien zij op basis van haar betrokkenheid bij de entiteit is blootgesteld aan, dan wel recht heeft op, variabele rendementen en de mogelijkheid heeft die rendementen te beïnvloeden aan de hand van haar zeggenschap over de entiteit.

Goodwill wordt niet afgeschreven maar op bijzondere waardevermindering getoetst, op jaarlijkse basis en telkens er een aanwijzing bestaat dat de kasstroomgenererende eenheid waaraan goodwill werd toegerekend mogelijk een bijzondere waardevermindering heeft ondergaan. Het onderzoek van kasstroomgenererende eenheden op bijzondere waardevermindering wordt toegelicht in een daartoe voorziene rubriek van deze grondslagen. Goodwill wordt gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Voor geassocieerde deelnemingen wordt het bedrag van de goodwill opgenomen in de boekwaarde van de investering.

De goodwill op overnamedatum wordt bepaald als:

  • het totaal van de reële waarde van de overgedragen vergoeding; en
  • het bedrag van enig minderheidsbelang in de overgenomen partij en in een bedrijfscombinatie die in verschillende fasen wordt gerealiseerd, de reële waarde op de overnamedatum van het voorheen aangehouden aandelenbelang van de overnemende partij in de overgenomen partij; verminderd met
  • het netto saldo van de verworven identificeerbare activa en overgenomen verplichtingen.

Indien het belang van de Groep in de netto reële waarde van de identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen, de kostprijs van de bedrijfscombinatie overtreft, wordt dit surplus onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Voorwaardelijke te betalen vergoedingen worden opgenomen in de balans aan reële waarde op overnamedatum. Wijzigingen aan de reële waarde van voorwaardelijke te betalen vergoedingen, welke in de balans als verplichting zijn opgenomen, worden verwerkt via de winst- en verliesrekening.

Overnamekosten worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening geboekt.

50.1.2 Verwerving van minderheidsbelangen

Minderheidsbelangen worden gewaardeerd tegen het proportionele aandeel in de netto-identificeerbare activa van de verworven partij op overnamedatum.

50.1.3 Dochterondernemingen

Dochterondernemingen zijn deze entiteiten waarover de Groep zeggenschap uitoefent.

De Groep heeft zeggenschap over een entiteit indien zij op basis van haar betrokkenheid bij de entiteit is blootgesteld aan, dan wel recht heeft op, variabele rendementen en de mogelijkheid heeft die rendementen te beïnvloeden aan de hand van haar zeggenschap over de entiteit. De jaarrekeningen van de dochterondernemingen worden in de consolidatiekring opgenomen vanaf de datum van verwerving tot het einde van de zeggenschap.

Wijzigingen in het eigendomsbelang van een moedermaatschappij in een dochteronderneming die niet tot een verlies van zeggenschap leiden

Wijzigingen in het eigendomsbelang van een moedermaatschappij in een dochteronderneming die niet tot een verlies van zeggenschap leiden, worden verwerkt als eigenvermogens-transacties (d.w.z. transacties van aandeelhouders in hun hoedanigheid van eigenaar). In dergelijke omstandigheden moeten de boekwaarden van de meerderheids- en minderheidsbelangen worden aangepast om de wijzigingen in hun relatieve belangen in de dochteronderneming weer te geven. Aanpassingen aan minderheidsbelangen, als gevolg van verrichtingen die niet leiden tot een verlies van zeggenschap, zijn gebaseerd op een proportioneel aandeel in het netto actief van de dochteronderneming. Elk eventueel verschil tussen het bedrag waarmee de minderheidsbelangen worden aangepast en de reële waarde van de ontvangen of betaalde vergoeding, moet rechtstreeks in het eigen vermogen worden verwerkt en aan de aandeelhouders van de moedermaatschappij worden toegewezen.

50.1.4 Verlies van zeggenschap

Wanneer een moedermaatschappij de zeggenschap over een dochteronderneming verliest, neemt ze op de datum waarop ze de zeggenschap verliest de boekwaarde van de activa en verplichtingen van de dochteronderneming evenals de boekwaarde van minderheidsbelangen in de voormalige dochteronderneming (met inbegrip van aan die minderheidsbelangen toerekenbare componenten van niet-gerealiseerde resultaten) niet langer in de balans op. Elk verschil dat voortvloeit uit een verlies van zeggenschap wordt als een winst of verlies opgenomen.

Elke investering die de Groep aanhoudt in de voormalige dochteronderneming wordt opgenomen aan reële waarde op de datum van verlies van zeggenschap. Na eerste opname wordt de investering, afhankelijk van het deelnemingspercentage, verwerkt volgens de 'equity'-methode of als een financieel actief.

50.1.5 Geassocieerde deelnemingen

Een geassocieerde deelneming is een entiteit waarin de Onderneming invloed van betekenis heeft en die geen dochteronderneming of belang in een joint venture is.

Als de Onderneming tussen 20% en 50% van de stemrechten van de deelneming aanhoudt, wordt verondersteld dat de Onderneming invloed van betekenis heeft. Volgens de 'equity'-methode wordt de investering in een geassocieerde deelneming bij eerste opname gewaardeerd aan de kostprijs. De kostprijs van de investering omvat transactiekosten. Een investering in een geassocieerde deelneming wordt verwerkt volgens de 'equity'-methode vanaf de datum waarop de investering een geassocieerde deelneming wordt. Bij de verwerving van de investering wordt een eventueel verschil tussen de kostprijs van de investering en het aandeel van de Onderneming in de netto reële waarde van de identificeerbare activa en verplichtingen van de geassocieerde deelneming als volgt verwerkt:

  • goodwill die betrekking heeft op een geassocieerde deelneming wordt opgenomen in de boekwaarde van de investering;
  • elk surplus van het aandeel van de investeerder in de netto reële waarde van de identificeerbare activa en verplichtingen van de geassocieerde deelneming ten opzichte van de kostprijs van de investering wordt als bate opgenomen bij de bepaling van het aandeel van de investeerder in de winst of het verlies van de geassocieerde deelneming tijdens de periode waarin de investering is verworven.

Wanneer er indicatie bestaat om een bijzonder waardeverminderingsverlies met betrekking tot een investering in een geassocieerde deelneming op te nemen, zijn de grondslagen voor financiële verslaggeving met betrekking tot bijzondere waardeverminderingsverliezen van toepassing.

Eliminatie van niet-gerealiseerde winsten en verliezen op transacties met geassocieerde deelnemingen

Winsten en verliezen die voortvloeien uit 'upstream'- en 'downstream'-transacties tussen de Onderneming (met inbegrip van zijn geconsolideerde dochterondernemingen) en een geassocieerde deelneming worden alleen in de jaarrekening van de Onderneming geëlimineerd ten belope van het belang van de Onderneming in de geassocieerde deelneming.

Een voorbeeld van een 'upstream'-transactie is de verkoop van activa van een geassocieerde deelneming aan de Onderneming. Een voorbeeld van een 'downstream'-transactie is de verkoop van activa van de Onderneming aan een geassocieerde deelneming.

Verlies van invloed van betekenis over de geassocieerde deelneming

Vanaf de datum waarop de Onderneming invloed van betekenis over de geassocieerde deelneming verliest, wordt betreffende investering verwerkt conform IFRS 9. Bij verlies van invloed van betekenis waardeert de Onderneming de investering in voormalige geassocieerde deelneming aan de reële waarde.

De Onderneming erkent in de winst- en verliesrekening alle verschillen tussen:

  • de reële waarde van de overblijvende investering en de inkomsten uit de vervreemding van het belang in de geassocieerde deelneming; en
  • de boekwaarde van de investering op de datum waarop de Onderneming zijn invloed van betekenis verliest.

De bedragen opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten met betrekking tot geassocieerde deelnemingen worden op dezelfde basis verwerkt alsof de geassocieerde onderneming de desbetreffende activa en verplichtingen zelf gedesinvesteerd zou hebben.

50.1.6 Entiteiten en activiteiten waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend

Een gezamenlijke overeenkomst is een overeenkomst waarover twee of meerdere partijen gezamenlijk zeggenschap uitoefenen. Gezamenlijk zeggenschap over een overeenkomst bestaat alleen wanneer contractueel is vastgesteld dat beslissingen over relevante activiteiten met unanimiteit van de betrokken partijen kunnen worden genomen. Afhankelijk van de rechten en verplichtingen van de betrokken partijen wordt een gezamenlijke overeenkomst geklasseerd als een activiteit waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend of als een joint venture.

A. Activiteiten waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend

Een activiteit waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend, betreft een overeenkomst waarbij de partijen gezamenlijk rechten hebben op de activa van de overeenkomst en verplichtingen uit hoofde van de schulden van de overeenkomst. De geconsolideerde jaarrekening omvat de activa waarover de Groep zeggenschap uitoefent en de verplichtingen die de Groep aangaat bij de uitvoering van de gezamenlijke activiteit, evenals de kosten die de Groep maakt en het aandeel van de opbrengsten dat de Groep met de gezamenlijke activiteit verdient.

B. Joint venture

Een joint venture is een overeenkomst waarover de Groep gezamenlijke zeggenschap uitoefent, waardoor de Groep rechten heeft op de netto activa van de overeenkomst, maar geen rechten op de activa van de overeenkomst en geen verplichtingen uit hoofde van de schulden van de overeenkomst. De Groep neemt zijn belang op in een entiteit waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend volgens de 'equity'-methode (zie toelichting 50.1.5).

50.1.7 Geëlimineerde transacties bij de consolidatie

Alle intragroepsaldi en -transacties, met inbegrip van niet-gerealiseerde resultaten op intragroeptransacties en -dividenden, worden bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening geëlimineerd.

Niet-gerealiseerde winsten en verliezen uit transacties binnen de Groep die zijn opgenomen in de activa, zoals voorraden en vaste activa, worden volledig geëlimineerd. Niet-gerealiseerde winsten uit transacties met geassocieerde deelnemingen worden geëlimineerd naar ratio van het belang dat de Groep in de entiteit heeft. Niet-gerealiseerde verliezen worden op dezelfde wijze geëlimineerd als niet-gerealiseerde winsten, maar alleen voor zover er geen aanwijzing is voor een bijzondere waardevermindering.

50.2 VREEMDE VALUTA

Elementen opgenomen in de jaarrekening van de entiteiten van de Groep worden gewaardeerd in de valuta van de primaire economische omgeving waarin de entiteit actief is (de functionele valuta). De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro die de functionele valuta en presentatievaluta van de Onderneming is.

50.2.1 Verrichtingen in vreemde valuta

Alle verrichtingen in andere dan de functionele valuta zijn verrichtingen in vreemde valuta. Verrichtingen in vreemde valuta worden omgerekend in de functionele valuta op basis van de wisselkoers die geldt op de transactiedatum. Valutakoersverschillen als gevolg van de afwikkeling van dergelijke verrichtingen en van de omrekening van monetaire activa en verplichtingen uitgedrukt in vreemde valuta aan slotkoers worden in de winst- en verliesrekening opgenomen. Echter de vreemde valutakoersresultaten die voortvloeien uit de volgende transacties worden erkend in de niet-gerealiseerde resultaten:

  • een investering in eigen-vermogensinstrumenten aangeduid als aan reële waarde met waardeveranderingen via de niet-gerealiseerde resultaten, behalve in het geval van een bijzonder waardeverminderingsverlies waarbij de valutaverschillen die in de niet-gerealiseerde resultaten opgenomen waren, geherclassificeerd worden naar de winst-en verliesrekening;
  • kasstroomafdekkingen voor zover deze als effectief beschouwd worden.

Niet-monetaire posten die in vreemde valuta worden uitgedrukt en tegen historische kostprijs worden gewaardeerd, worden omgerekend op basis van de wisselkoers die geldt op transactiedatum.

50.2.2 Buitenlandse activiteiten

Een buitenlandse activiteit is een entiteit die een dochteronderneming, geassocieerde deelneming, joint venture of filiaal van de verslaggevende entiteit is en waarvan de activiteiten zijn gebaseerd of worden uitgevoerd in een andere valuta dan euro. De resultaten en financiële positie van al de groepsondernemingen worden voor consolidatiedoeleinden omgerekend in de presentatievaluta op de volgende wijze:

  • de activa en verplichtingen worden omgerekend tegen de slotkoers op rapporteringsdatum;
  • de baten en lasten worden voor elke winst- en verliesrekening omgerekend tegen de gemiddelde koers over het boekjaar; en
  • de componenten van het eigen vermogen worden omgerekend aan historische koersen met uitzondering van de bewegingen van het jaar die worden omgerekend aan koersen die de koers op transactiedatum benadert.

Alle resulterende valutakoersverschillen worden als een afzonderlijke component in het eigen vermogen onder 'Valutakoersverschillen' opgenomen. Het bedrag dat toewijsbaar is aan minderheidsbelangen wordt opgenomen als deel van de minderheidsbelangen.

Bij het afstoten van een buitenlandse activiteit moet het cumulatieve bedrag van de valutakoersverschillen dat verband houdt met die buitenlandse activiteit, opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten en verwerkt in de afzonderlijke component van het eigen vermogen, worden overgeboekt van het eigen vermogen naar de winst- en verliesrekening (als een herclassificatie-aanpassing) op het ogenblik dat de winst of het verlies op de afstoting wordt opgenomen.

Bij gedeeltelijke afstoting van een dochteronderneming die een buitenlandse activiteit omvat, moet de entiteit het evenredige deel van het cumulatieve bedrag van de valutakoersverschillen, opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten, toewijzen aan de minderheidsbelangen in die buitenlandse activiteit. Bij elke andere gedeeltelijke afstoting van een buitenlandse activiteit moet de entiteit alleen het evenredig deel van het cumulatieve bedrag van de valutakoersverschillen, opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten, overboeken naar de winst- en verliesrekening.

Elke vermindering van het belang in een buitenlandse activiteit wordt beschouwd als een gedeeltelijke afstoting van een buitenlandse activiteit, met uitzondering van verminderingen die leiden tot:

  • het verlies van zeggenschap over een dochteronderneming die een buitenlandse activiteit omvat;
  • het verlies van invloed van betekenis over een geassocieerde deelneming die een buitenlandse activiteit omvat; en
  • het verlies van gezamenlijke zeggenschap over een overeenkomst waarover twee of meerdere partijen gezamenlijk zeggenschap uitoefenen.

Deze gedeeltelijke afnamen van belangen in buitenlandse activiteiten worden administratief verwerkt als afstotingen wat leidt tot een herclassificatie-aanpassing van de valutakoersverschillen op deze buitenlandse activiteiten, opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten, naar de winst- en verliesrekening.

50.3 OPBRENGSTEN

Opbrengsten uit contracten met klanten worden erkend volgens de principes zoals gestipuleerd in IFRS 15 Opbrengsten. Deze standaard introduceert een vijfstappen aanpak in de bepaling van de methode voor het boeken van opbrengsten: als eerste stap dient het contract met de klant geïdentificeerd te worden, nadien dienen de prestatieverplichtingen in het contract bepaald te worden, in een derde stap dient de transactieprijs bepaald te worden, nadien wordt de transactieprijs toegewezen aan de prestatieverplichtingen in het contract en als laatste stap worden de opbrengsten geboekt wanneer de entiteit een prestatieverplichting vervult. De standaard bepaalt tevens dat de opbrengsten dienen geboekt te worden op een bepaald moment of gespreid over een bepaalde periode. Opbrengsten worden netto – na belastingen, kortingen en rabatten – geregistreerd.

De Groep hanteert een verschillende aanpak wat betreft de erkenning in Opbrengsten uit de verkoop van goederen, uit de verkoop van diensten en uit de verkoop van overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aan de koper worden aangeboden Opbrengsten uit de verkoop van goederen bevatten opbrengsten uit de verkoop van consumptiegoederen, chemicaliën, vervangingsonderdelen, apart verkochte apparatuur en software licenties. Opbrengsten uit dienstverlening bevat diensten met betrekking tot de installatie, onderhoud en dienstverlening na verkoop. De Groep sluit tevens overeenkomsten af waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden aan de koper ('multiple-element arrangements'). Deze overeenkomsten omvatten de verkoop van software, licenties, hardware, installatiediensten, onderhoud en dienstverlening na verkoop.

A. Verkoop van goederen

Omzet uit de verkoop van goederen wordt erkend op het moment dat de controle van de goederen overgaat op de klant en wanneer er geen onzekerheid bestaat omtrent de inning van de verkoopprijs. In de bepaling of de inning van de verkoopprijs al dan niet waarschijnlijk is, houdt de Groep rekening met de kredietwaardigheid van de klant en diens intentie tot betalen van de verkoopprijs op vervaldag. Omzet uit de verkoop van goederen wordt onder de huidige IFRS 15 standaard erkend op een specifiek tijdstip, zijnde het moment van levering rekening houdend met de geldende incoterms.

Omzet uit de verkoop van apart verkochte software-licenties wordt erkend op een specifiek tijdstip, zijnde op het moment van de levering van de source key aan de klant.

In geval dat er volumekortingen aangeboden worden aan de klanten, wordt er een inschatting gemaakt van de verwachte volumekorting op basis van historische consumptiepatronen van de klanten. Het bedrag van de variabele verkoopprijs is gebaseerd op de 'most likely amount'-methode. Wanneer er verwacht wordt dat de vooropgezette aankoopvolumes zullen behaald worden door de klant, wordt de omzet erkend aan een waarde die rekening houdt met de verwachte volumekorting en wordt er een contractuele verplichting verbonden aan contracten met klanten geboekt.

B. Dienstverlening

In overeenstemming met de huidige IFRS 15 wordt de omzet uit dienstverlening erkend over de looptijd van het contract aangezien de klant gelijktijdig de voordelen van deze dienstverlening ontvangt en consumeert.

Omzet met betrekking tot installatie en implementatie van de softwarelicentie wordt erkend op basis van de reeds gepresteerde kosten. De vooruitgang wordt gemeten aan de hand van inputparameters zijnde de reeds gepresteerde arbeidskosten in vergelijking tot de ingeschatte arbeidskosten.

In de gevallen waarbij de Groep meerdere diensten gelijktijdig aanbiedt, zal de omzet over de verschillende diensten verdeeld worden gebaseerd op de verkoopprijs die van toepassing is wanneer deze diensten apart verkocht worden.

C. Overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aan de koper worden aangeboden

De Groep sluit tevens overeenkomsten af waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden aan de koper ('multipleelement arrangements'). Deze overeenkomsten omvatten de verkoop van software, licenties, hardware, installatiediensten, onderhoud en dienstverlening na verkoop. Voor overeenkomsten die geen substantieve aanpassing van de software vergen, kwalificeert elk onderdeel als een aparte prestatieverplichting. De totale verkoopprijs wordt toegewezen aan de verschillende prestatieverplichtingen op basis van hun verkoopprijs wanneer ze apart verkocht worden.

In het geval dat kortingen toegekend worden, worden deze proportioneel toegekend aan elke prestatieverplichting op basis van hun prijs wanneer ze apart verkocht worden.

Binnen de segmenten Healthcare IT en Radiology Solutions vereisen de meeste overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden, geen significante aanpassingen van het softwaregedeelte en geen programmatie op maat van de koper. Het deel van de verkoopprijs toegewezen aan de hardwarecomponent wordt in omzet erkend op het moment dat deze geleverd is aan de koper en toegevoegde waarde creëert. De hardwarecomponent wordt als een aparte prestatieverplichting beschouwd aangezien de overige componenten van de overeenkomst geen transformaties aanbrengen aan de hardware. Het deel van de softwarecomponent wordt in omzet erkend na succesvolle installatie in de lokalen van de koper en acceptatie door de koper. De softwarecomponent wordt beschouwd als een aparte prestatieverplichting aangezien de koper de software kan gebruiken met diensten en/of goederen die vrij verkrijgbaar zijn op de markt. Gezien de Groep de klant toegang verleend tot de licentie op een specifiek tijdstip en een gebruiksrecht verleend tot de licentie zoals ze ontwikkeld werd op een specifiek tijdstip, wordt de omzet uit deze licenties eveneens erkend op een specifiek tijdstip. De software wordt gezien als apart identificeerbaar aangezien niettegenstaande het feit dat de software geïntegreerd is in het systeem van de klant, de nog te leveren installatie de baten die de klant heeft van de softwarelicentie niet in de weg staan. De installatiediensten zijn immers routinematig en kunnen eveneens verstrekt worden door derde leveranciers. Omzet met betrekking tot installatie en implementatie van de softwarelicentie wordt erkend op basis van de reeds gepresteerde kosten. De vooruitgang wordt gemeten aan de hand van inputparameters zijnde de reeds gepresteerde arbeidskosten in vergelijking met de ingeschatte arbeidskosten.

In gevallen waarbij de klant additionele garanties aankoopt zijnde garanties bovenop de wettelijke garanties die gegeven worden of waarbij een langere garantieperiode dan deze wettelijke voorzien wordt aangekocht ('extended warranty'), wordt dit beschouwd als een aparte prestatieverplichting in een overeenkomst waarbij meerdere goederen en diensten samen worden aangeboden. Garanties die aangeboden worden in het kader van wettelijke verplichtingen worden niet aanzien als aparte prestatieverplichtingen ('assurance-type warranty'). Deze laatste wordt geboekt als een kost in het opzetten van een voorziening voor garantieverplichtingen.

Omzet erkend waarvoor nog geen facturatie plaatsgevonden heeft, wordt geboekt als contractuele activa verbonden aan contracten met klanten. Ontvangen vooruitbetalingen waarvoor nog geen omzet erkend werd, wordt geboekt als contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten.

Bij de verkoop van machines die aanzienlijke installatie vereisen binnen het segment Offset Solutions en Digital Print & Chemicals, worden de opbrengsten geboekt nadat de installatie in overeenstemming met alle contractuele bepalingen is voltooid en de machine gebruiksklaar is voor de koper. De machine en installatiediensten zijn zeer nauw met elkaar verbonden en worden bijgevolg behandeld als één prestatieverplichting, die in opbrengst wordt erkend op het moment van succesvolle installatie bij de koper.

50.4 PERSONEELSBELONINGEN

Voor de boekhoudkundige behandeling van pensioen- en soortgelijke verplichtingen maakt IFRS een onderscheid tussen toegezegdebijdrageregelingen en toegezegdpensioenregelingen. De classificatie is afhankelijk van de partij – Onderneming of werknemer – die het actuarieel en investeringsrisico draagt. Bij een toegezegdebijdrageregeling draagt de werknemer alle risico's en dient de Onderneming bijgevolg – met uitzondering van de te betalen bijdragen – geen verplichting op te nemen in de balans, behalve voor het onbetaalde deel van de bijdragen. Bij toegezegdpensioenregelingen draagt de Onderneming het actuarieel en investeringsrisico en erkent bijgevolg een verplichting in de balans.

50.4.1 Toegezegdebijdrageregelingen

De bijdragen voor toegezegdebijdrageregelingen worden als kost opgenomen in de winst- en verliesrekening wanneer ze verschuldigd zijn. Deze kosten worden in de winst- en verliesrekening toegewezen aan hun verschillende functies: kostprijs van verkopen, kosten van onderzoek en ontwikkeling, verkoop- en algemene beheerskosten, op basis van de functionele kostenplaatsen waar de betrokken werknemers aan toegewezen zijn.

50.4.2 Toegezegdpensioenregelingen

Vanaf 31 december 2016 is de boekhoudkundige verwerking van toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement in lijn gebracht met de boekhoudkundige behandeling van toegezegdpensioenregelingen.

A. Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding

De boekwaarde op de balans van toegezegdpensioenregelingen wordt bepaald als de contante waarde van de brutoverplichtingen uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen verminderd met de reële waarde van fondsbeleggingen. Wanneer deze berekening een nettosurplus oplevert, dan wordt de waarde van het hieruit resulterend opgenomen actief begrensd tot het totaal van de contante waarde van de economische voordelen die beschikbaar zijn in de vorm van terugbetalingen uit de regeling of verlagingen van toekomstige bijdragen aan de regeling.

De contante waarde van de brutoverplichtingen uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen (DBO) en de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten worden door een gekwalificeerd actuaris berekend volgens de 'Projected Unit Credit'-methode (PUC). Volgens deze methode worden de toekomstige jaarlijkse uitkeringen verdisconteerd aan een veronderstelde interestvoet. De totale verplichting die hieruit voortvloeit wordt vervolgens toegerekend aan de verstreken diensttijd – die de DBO vertegenwoordigt – en aan het huidige dienstjaar – die de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten vertegenwoordigen.

De te gebruiken interestvoet is de disconteringsvoet gebaseerd op interestvoeten op bedrijfsobligaties met een hoge rating die een looptijd hebben die deze van de brutoverplichtingen van de Groep benaderen. Bij het bepalen van de contante waarde van de brutoverplichtingen uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen (DBO) wordt rekening gehouden met toekomstige aanpassingen in salarissen en pensioenuitkeringen.

De DBO omvat tevens de contante waarde van belastingen betaalbaar op de bijdragen voor het plan of op vergoedingen betreffende geleverde diensten.

Wat de toepassing van de PUC-methode voor Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement betreft wordt hierna bijkomende informatie verstrekt.

B. Kosten voor toegezegdpensioenregelingen weergegeven in de winst- en verliesrekening en in 'Niet-gerealiseerde resultaten'

Het bedrag dat in de winst- en verliesrekening wordt geboekt, bestaat uit de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten, de pensioenkosten van verstreken diensttijd, het effect van een inperking of afwikkeling van een toegezegdpensioenregeling, de interest op de nettoverplichting en administratieve kosten en belastingen. De aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten evenals administratieve kosten die geen verband houden met het beheer van de fondsbeleggingen worden toegewezen aan de kosten volgens hun functie: kostprijs van verkopen, kosten van onderzoek en ontwikkeling, verkoopkosten en algemene beheerskosten, op basis van de functionele kostenplaatsen waar de betrokken werknemers aan toegewezen zijn.

Pensioenkosten van verstreken diensttijd en winsten of verliezen op de inperking of afwikkeling van een toegezegdpensioenregeling worden erkend in 'Overige bedrijfsopbrengsten', respectievelijk 'Overige bedrijfskosten' op het moment dat de inperking of afwikkeling plaatsvindt. Administratieve kosten die verbonden zijn aan het beheer van fondsbeleggingen en belastingen die rechtstreeks gelinkt zijn aan het rendement van de fondsbeleggingen en die door het plan worden gedragen, zijn mee begrepen in het rendement op de fondsbeleggingen en worden opgenomen in de 'Niet-gerealiseerde resultaten, na winstbelastingen'.

De interest op de nettoverplichting van toegezegdpensioenregelingen wordt in de winst- en verliesrekening opgenomen onder 'Overige financieringskosten'. Ze wordt berekend door de disconteringsvoet die gebruikt wordt voor de berekening van de contante waarde van de brutoverplichting toe te passen op de nettoverplichting. De interest op de nettoverplichting wordt uitgesplitst over de interestopbrengsten op fondsbeleggingen en interestkosten op de contante waarde van de brutoverplichting. Het verschil tussen de interestopbrengsten en het reële rendement op fondsbeleggingen wordt weergegeven in de balans onder 'Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen' en in de 'Niet-gerealiseerde resultaten, na winstbelastingen'.

Naast het verschil tussen het reële rendement op fondsbeleggingen en de berekende interestopbrengsten op fondsbeleggingen, omvatten de 'Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen' de actuariële winsten en verliezen die bijvoorbeeld resulteren uit een aanpassing van de aanname inzake disconteringsvoet. Al deze effecten uit herwaarderingen worden getoond in de 'Niet-gerealiseerde resultaten, na winstbelastingen'.

C. Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement

Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement vallen onder toepassing van de wet van april 2003 op de aanvullende pensioenen. Volgens artikel 24 van deze wet hebben aangeslotenen recht op een minimum rendement op bijdragen betaald door hetzij de organisator van het plan hetzij de werknemer. Een aantal voorwaarden opgenomen in deze wet, zoals het wettelijk minimum rendement, werden aangepast bij wet van 18 december 2015. In lijn met de waardering gehanteerd voor 'zuivere' toegezegdpensioenregelingen, wordt de verplichting uit hoofde van toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement voortaan bepaald als het verschil tussen de contante waarde van de brutoverplichtingen (DBO) en de reële waarde van fondsbeleggingen. Vanaf 31 december 2016 worden de contante waarde van de brutoverplichtingen (DBO) en de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten door een gekwalificeerd actuaris berekend volgens de 'Projected Unit Credit'-methode (PUC).

Voor de algemene principes van deze methode verwijzen we naar de toelichting opgenomen onder 'Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding'.

In de Belgische entiteiten van de Groep voorzien alle verzekerde plannen in een vast gegarandeerd rendement tot aan pensionering (de zogenoemde 'Tak 21' verzekerde producten). Afhankelijk van de aard van het verzekerd plan wordt de contante waarde van de brutoverplichtingen bepaald inclusief of exclusief toekomstige bijdragen en hun toekomstig gewaarborgd rendement tot pensionering of beëindiging van deelname aan het plan. Voor het 'Top Performance Plan' werden geen toekomstige bijdragen in aanmerking genomen, voor alle ander 'Tak 21' verzekerde producten worden recurrente bijdragen betaald en bijgevolg ook in de actuariële berekeningen in aanmerking genomen. Bij de bepaling van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement heeft de Groep paragraaf 115 van IAS 19 toegepast. Paragraaf 115 stelt "in de mate dat fondsbeleggingen verzekeringscontracten omvatten die kwalificeren als in aanmerking te nemen fondsbeleggingen waarvan bedrag en vervaldagstructuur overeenstemmen met het geheel of een deel van de toezeggingen onder het plan, wordt de marktwaarde van de verzekeringscontracten gelijkgesteld aan de contante waarde van de eraan gerelateerde verplichtingen", tot op het niveau van het door de verzekeraar gegarandeerde rendement.

Vergelijkbaar met de Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement, worden de toegezegdebijdrageregelingen in Zwitserland verwerkt zoals een toegezegdpensioenregeling volgens IAS 19.

Voor de waardering van de nettoverplichting van toegezegdebijdrageregelingen in België en Zwitserland wordt paragraaf 115 van IAS 19 toegepast. Paragraaf 115 stelt dat daar waar activa van het plan in aanmerking komende verzekeringspolissen bevatten die exact overeenkomen in tijdstip en bedrag van de te betalen voordelen gestipuleerd in het plan, de reële waarde van deze verzekeringspolissen gelijk is aan de reële waarde van de verplichtingen en dit ten belope van de gegarandeerde waarde door de verzekeraar. De toepassing van deze paragraaf 115 veronderstelt het bepalen van de verzekerde waarde van de toezeggingen bij pensionering, wat een invloed heeft op zowel de waarde van de fondsbeleggingen als de contante waarde van de brutoverplichtingen. Wat de toepassing van paragraaf 115 betreft is het management immers van mening dat de berekening van de contante waarde van de brutoverplichtingen tevens rekening dient te houden met het feit dat de werknemer aanspraak maakt op het hoogste van de bij de verzekeraar opgebouwde reserves en de gewaarborgde minimumreserves. Daarom dient de berekening van de contante waarde van de brutoverplichtingen met dit kenmerk rekening te houden en dit in elke situatie, hetzij tewerkstelling tot aan pensionering hetzij beëindiging van tewerkstelling voor pensionering.

50.4.3 Ontslagvergoedingen

Ontslagvergoedingen worden opgenomen als een verplichting en als een last wanneer een groepsonderneming zich aantoonbaar heeft verbonden tot ofwel:

  • het beëindigen van de tewerkstelling van een werknemer of groep van werknemers vóór de normale pensioendatum; of
  • de betaling van ontslagvergoedingen als gevolg van een aanbod ter aanmoediging van vrijwillige pensionering en in de mate dat het waarschijnlijk is dat de werknemers het aanbod zullen aanvaarden.

Wanneer ontslagvergoedingen verschuldigd zijn na twaalf maanden volgend op de rapporteringsdatum, dan worden ze verdisconteerd aan een disconteringsvoet gelijk aan het marktrendement op rapporteringsdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de termijn van de verplichtingen van de Groep.

De interestimpact van de afwikkeling en waardering van ontslagvergoedingen aan de op balansdatum geldende disconteringsvoeten wordt in de winst- en verliesrekening opgenomen onder 'Overige financieringskosten'. De impact van toe- en afnamen van de verplichtingen van de Groep betreffende ontslagvergoedingen wordt opgenomen onder 'Overige bedrijfskosten' – Reorganisatiekosten.

50.4.4 Overige langetermijnpersoneelsbeloningen

De nettoverplichting van de Groep uit hoofde van langetermijnpersoneelsbeloningen andere dan bedrijfspensioenplannen, levensverzekeringsplannen en plannen voor medische bijstand heeft betrekking op de pensioenaanspraken die werknemers hebben opgebouwd in ruil voor hun diensten in de verslagperiode en voorgaande perioden.

Deze verplichting wordt berekend op basis van de 'Projected Unit Credit'-methode en wordt verdisconteerd om de contante waarde te bepalen en de reële waarde van hiermee samenhangende activa wordt hierop in mindering gebracht. De gebruikte disconteringsvoet is het marktrendement op rapporteringsdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de geschatte looptijd van de verplichtingen van de Groep.

In tegenstelling tot de boekhoudkundige verwerking van toegezegdpensioenregelingen worden herwaarderingen van overige langetermijnpersoneelsbeloningen niet getoond in het overzicht van de niet-gerealiseerde resultaten, maar erkend in de winst- en verliesrekening.

50.4.5 Kortetermijnpersoneelsbeloningen

De verplichtingen uit hoofde van kortetermijnpersoneelsbeloningen worden gewaardeerd op een niet-verdisconteerde basis. Ze worden in de winst- en verliesrekening opgenomen in de periode waarin de gerelateerde prestaties worden geleverd. Een verplichting wordt opgenomen voor de personeelsbeloningen die betaalbaar zijn binnen de twaalf maanden op voorwaarde dat de Groep een bestaande in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft om dergelijke betalingen te doen als gevolg van verleende prestaties in het verleden en indien de verplichting op een betrouwbare manier kan worden bepaald.

50.4.6 Beloningen in de vorm van eigen-vermogensinstrumenten

De Groep verstrekt op aandelen gebaseerde beloningen daar ze aan een aantal door de Raad van Bestuur opgegeven personen 'Share appreciation rights' (SARs) heeft toegekend. SARs geven de houders ervan recht op een vergoeding in cash gelijk aan de toename in de waarde van de aandelen boven een vooraf bepaalde koers en over een specifieke 'wachtperiode', vanaf de datum van toekenning tot de datum van afwikkeling.

In de op aandelen gebaseerde beloningsverrichtingen participeren werknemers in de evolutie van de waarde van het onderliggend instrument, zijnde de aandelen van Agfa-Gevaert NV en de betaling in cash is gebaseerd op de koers of waarde van het aandeel.

Betreffende 'Share appreciation rights' geven maar recht op vergoeding wanneer de werknemers gedurende een specifieke periode zijn tewerkgesteld (kort 'wachtperiode' genoemd). Daarom erkent de Onderneming de kost van de beloning en de daaruit voortvloeiende verplichting, over de looptijd van voornoemde wachtperiode. De verplichting wordt initieel en gedurende voornoemde looptijd, telkens op het einde van een rapporteringsperiode, gewaardeerd aan de reële waarde van de 'Share Appreciation Rights' bepaald aan de hand van een aandelenoptiemodel en in de mate van de door de werknemers geleverde dienstprestaties. Wijzigingen in de reële waarden worden erkend in de winst- en verliesrekening. Zowel de kost bij initiële waardering als de impact van de wijzigingen in de reële waarde worden opgenomen als kost van personeelsbeloningen. Het gehanteerde optiewaarderingsmodel is 'Black and Scholes'.

50.5 KOSTEN VAN ONDERZOEK EN ONTWIKKELING

Kosten van onderzoek worden voor boekhoudkundige doeleinden gedefinieerd als kosten gemaakt voor huidige of geplande onderzoeken met het oog op het verschaffen van nieuwe wetenschappelijke of technische kennis en inzichten.

Ontwikkelingskosten worden gedefinieerd als kosten gemaakt om de onderzoeksbevindingen of de gespecialiseerde kennis aan te wenden voor het uitdenken of plannen van de productie, levering of ontwikkeling van nieuwe of substantieel verbeterde producten, diensten of processen alvorens deze in productie of gebruik te nemen.

Kosten van onderzoek en ontwikkeling betreffen zowel interne onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten als verschillende samenwerkingen op het vlak van onderzoek en ontwikkeling en allianties met derde partijen.

Kosten van onderzoek en ontwikkeling omvatten, in het bijzonder, de lopende kosten voor de onderzoeks- en ontwikkelingsdepartementen zoals personeelskosten, materiaalkosten en afschrijving van vaste activa alsook de kosten van laboratoria, faciliteiten voor de ontwikkeling van toepassingen, 'engineering' en andere departementen die onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten verrichten, kosten voor het contact met universiteiten en wetenschappelijke instellingen en de kosten van onderzoeks- en ontwikkelingswerk voor rekening van derden.

Onderzoekskosten kunnen niet worden geactiveerd. De voorwaarden voor activering van ontwikkelingskosten zijn strikt gedefinieerd: een immaterieel actief kan maar erkend worden, alleen wanneer er redelijke zekerheid bestaat dat toekomstige kasstromen de boekwaarde van het actief kunnen afdekken.

50.6 NETTOFINANCIERINGSLASTEN

Financieringsbaten (-kosten) – netto omvatten rente verschuldigd op leningen en ontvangen rente op beleggingen. Zij bevatten ontvangen en betaalde interesten met betrekking tot elementen opgenomen in de netto financiële schuldpositie. De netto financiële schuldpositie wordt gedefinieerd als de som van langlopende en kortlopende rentedragende verplichtingen verminderd met geldmiddelen en kasequivalenten.

Overige financieringsbaten (-kosten) – netto omvatten:

  • ontvangen en betaalde interesten met betrekking tot overige activa en verplichtingen die geen deel uitmaken van de netto financiële schuldpositie zoals de interest op de nettoverplichting wegens vergoedingen na uitdiensttreding en de interestcomponent van ontslagvergoedingen geheel of gedeeltelijk betaalbaar na twaalf maanden;
  • valutakoersverschillen uit niet-operationele activiteiten;
  • winsten en verliezen uit de herwaardering van derivaten die een economische indekking zijn van niet-operationele activiteiten;
  • het ineffectieve gedeelte van kasstroomafdekkingen die niet-operationele activiteiten indekken;
  • bijzondere waardeverminderingsverliezen geboekt op financiële activa;
  • resultaten op de verkoop van effecten beschikbaar voor verkoop;
  • herwaardering van de uitgestelde variabele overnameprijs van overnames; en
  • andere niet-operationele kosten en opbrengsten.

Inkomsten uit rente worden pro rata temporis in de winst- en verliesrekening opgenomen rekening houdend met het effectieve rendement van het actief. Inkomsten uit dividenden worden in de winst- en verliesrekening opgenomen op de dag dat het dividend wordt toegekend.

Alle rentelasten en andere financieringskosten in verband met leningen worden in de winst- en verliesrekening opgenomen naarmate ze ontstaan op basis van de effectieve rentemethode. De rentelastcomponent van de betalingen voor leaseovereenkomsten wordt in de winst- en verliesrekening opgenomen op basis van de effectieve rentemethode.

De interest op de nettoverplichting wegens vergoedingen na uitdiensttreding wordt berekend door de disconteringsvoet die gebruikt wordt voor de berekening van de contante waarde van de brutoverplichting toe te passen op de nettoverplichting.

Zowel de bruto- als nettoverplichting bij aanvang van de rapporteringsperiode wordt als basis genomen waarbij rekening wordt gehouden met wijzigingen in de nettoverplichting tijdens de rapporteringsperiode als gevolg van bijdragen en uitkeringen.

De interestcomponent van langetermijnontslagvergoedingen omvat de impact van de afwikkeling van de verplichting evenals de impact van de gewijzigde disconteringsvoet.

50.7 WINSTBELASTINGEN EN OVERIGE BELASTINGEN

De winstbelastingen omvatten de over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare belastingen en de uitgestelde belastingen. Beide belastingen worden in de winst- en verliesrekening geboekt behalve in die gevallen waar het bestanddelen betreft die deel uitmaken van de niet-gerealiseerde resultaten. In dit laatste geval verloopt de opname via de niet-gerealiseerde resultaten of in het geval van bedrijfscombinaties waarbij de opname verloopt via goodwil.

Bij de bepaling van de over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare winstbelastingen en uitgestelde winstbelastingen houdt de Groep rekening met het effect van onzekere belastingposities en de vraag of er nog verdere belastingen en rente verschuldigd zijn. Overige belastingvorderingen en schulden hebben betrekking op overige belastingen zoals BTW, onroerend goed belasting en andere indirecte belastingen. Ze worden gewaardeerd aan kostprijs. Overige belastingvorderingen en schulden worden gecompenseerd in de balans wanneer ze geheven worden door dezelfde belastingauthoriteit en afgelost worden op een netto basis en er een wettelijk recht is om deze te compenseren.

50.7.1 Verschuldigde winstbelastingen

Onder de over de verslagperiode verschuldigde en verrekenbare belastingen verstaat men deze die drukken op de fiscale winst van het boekjaar, berekend tegen de belastingtarieven die van kracht zijn op de balansdatum, evenals de aanpassingen aan de belastingen die verschuldigd zijn over de vorige boekjaren. Bijkomende winstbelastingen die ontstaan uit de uitkering van dividenden worden geboekt op hetzelfde moment als de verplichting voor uitbetaling van het desbetreffende dividend.

Verschuldigde winstbelastingen met betrekking tot de lopende en voorgaande perioden, voor zover deze nog onbetaald zijn, worden erkend als schulden. Ingeval het reeds betaalde bedrag aan winstbelastingen groter is dan het verschuldigde bedrag voor die perioden, dan wordt dit overschot gepresenteerd als een actief.

50.7.2 Uitgestelde winstbelastingen

De uitgestelde belastingen worden berekend volgens de 'balance sheet'-methode en komen vooral voort uit de verschillen tussen de boekwaarde van activa en verplichtingen in de balans en de fiscale boekwaarde ervan (tijdelijke verschillen).

Er wordt echter geen rekening gehouden met de volgende verschillen:

  • belastbare verschillen bij de eerste opname van goodwill;
  • de eerste opname van een actief of verplichting in een transactie die geen bedrijfscombinatie is en op het moment van de transactie geen invloed heeft op de winst vóór belasting of op de fiscale winst (het fiscale verlies); en
  • tijdelijke verschillen met betrekking tot investeringen in dochterondernemingen in de mate dat zij waarschijnlijk niet zullen afgewikkeld worden in de nabije toekomst.

Het bedrag van de uitgestelde belastingen is gebaseerd op de verwachtingen met betrekking tot de realisatie van de boekwaarde van de activa en verplichtingen, waarbij gebruik wordt gemaakt van de belastingtarieven (en de belastingwetgeving) waarvan het wetgevingsproces (materieel) is afgesloten op de balansdatum. Een uitgestelde belastingvordering wordt enkel opgenomen in de balans indien het voldoende zeker is dat de verrekenbare tijdelijke verschillen, de ongebruikte belastingfaciliteiten en de ongebruikte voorwaartse verliescompensatie in de toekomst met fiscale winsten kunnen worden verrekend. Uitgestelde belastingvorderingen worden verminderd naarmate het niet langer waarschijnlijk is dat de belastingbesparing zal kunnen worden gerealiseerd.

50.8 GOODWILL EN IMMATERIËLE ACTIVA MET EEN ONBEPAALDE GEBRUIKSDUUR

Goodwill wordt na eerste opname gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Voor geassocieerde deelnemingen die volgens de 'equity'-methode worden gewaardeerd, wordt het bedrag van de goodwill opgenomen in de boekwaarde van de investering. Eventuele bijzondere waardeverminderingsverliezen worden eveneens opgenomen in de boekwaarde van de geassocieerde deelneming.

Immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur, zoals handelsnamen, worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Immateriële activa met een beperkte gebruiksduur worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Immateriële activa met onbepaalde gebruiksduur worden niet afgeschreven. Zij worden jaarlijks op bijzondere waardevermindering getoetst en elke keer wanneer er een aanwijzing bestaat dat zij mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan.

50.9 IMMATERIËLE ACTIVA MET BEPERKTE GEBRUIKSDUUR

50.9.1 Opname en waardering

Immateriële vaste activa met beperkte gebruiksduur worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.

Kosten van onderzoek en ontwikkeling worden als een kost in de winst- en verliesrekening opgenomen in de periode waarin zij worden gemaakt, met uitzondering voor bepaalde kosten van ontwikkeling, welke op de balans worden opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat het ontwikkelingsproject een succes zal zijn en wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan zoals technische uitvoerbaarheid en het kunnen aantonen dat het ontwikkelingsproject waarschijnlijke toekomstige economische voordelen zal genereren. Kosten van ontwikkeling opgenomen op de balans worden afgeschreven op een systematische manier over hun geschatte gebruiksduur.

In overeenstemming met IFRS 3 Bedrijfscombinaties is de kostprijs van een immaterieel actief verworven in een bedrijfscombinatie de reële waarde van het immaterieel actief op overnamedatum. De reële waarde van een immaterieel actief weerspiegelt de marktverwachtingen over de waarschijnlijkheid dat toekomstige economische voordelen, vervat in het actief, naar de entiteit zullen toevloeien.

50.9.2 Uitgaven na eerste opname

Uitgaven na eerste opname worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Ze worden echter wel geactiveerd indien ze resulteren in een verhoging van het toekomstig economisch nut van de respectieve materiële vaste activa.

50.9.3 Afschrijvingen

nodig aangepast.

Immateriële activa met een beperkte gebruiksduur, zoals verworven technologie en klantenrelaties worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de geschatte gebruiksduur, over het algemeen een periode van vijf tot vijftien jaar. Afschrijvingsmethode, gebruiksduur en restwaarde worden op rapporteringsdatum telkens opnieuw beoordeeld en indien

50.10 MATERIËLE VASTE ACTIVA

50.10.1 Opname en waardering

De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.

De kostprijs van een materieel vast actief omvat:

  • de aankoopprijs, met inbegrip van invoerrechten en niet-restitueerbare belasting op de opbrengsten;
  • alle rechtstreeks toerekenbare kosten om het actief op de locatie en in de staat te krijgen die noodzakelijk is om te functioneren op de door het management beoogde wijze;
  • de eerste schatting van de kosten van ontmanteling en verwijdering van het actief, en van het herstel van het terrein waar het actief zich bevindt; de verplichting hiervoor wordt door de entiteit aangegaan wanneer het actief wordt verkregen, of ontstaat als gevolg van het gebruik gedurende een bepaalde periode voor andere doeleinden dan de productie van voorraden tijdens die periode;
  • geactiveerde financieringskosten.

Voor zelfvervaardigde materiële vaste activa omvatten de rechtstreeks toerekenbare kosten de directe materiaalkost, directe fabricagekosten, een evenredig deel van de vaste kosten van materiaal en fabricage, en een evenredig deel van de afschrijvingen van activa gebruikt bij de vervaardiging. De kostprijs omvat tevens een evenredig deel van de kosten voor het bedrijfspensioenplan, andere vrijwillige personeelsbeloningen van de onderneming en geactiveerde financieringskosten.

50.10.2 Uitgaven na eerste opname

Uitgaven voor de herstellingen en onderhoud van materiële vaste activa worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Ze worden echter wel geactiveerd indien ze resulteren in een verhoging van het toekomstig economisch nut van de respectieve materiële vaste activa.

50.10.3 Afschrijvingen

Materiële vaste activa worden vanaf datum van ingebruikname afgeschreven volgens de lineaire methode over de gebruiksduur van het actief. Voor materiële vaste activa aangehouden op grond van leaseovereenkomsten stemt de afschrijvingsperiode overeen met de gebruiksduur of met de looptijd van de leaseovereenkomst, indien korter.

De geschatte gebruiksduur van de respectieve activa is de volgende:

Gebouwen 20 tot 50 jaar
Andere bouwwerken 10 tot 20 jaar
Bedrijfsinstallaties 6 tot 20 jaar
Machines en uitrusting 6 tot 12 jaar
Laboratorium- en onderzoekinstallaties 3 tot 5 jaar
Rollend materieel 4 tot 8 jaar
Computermaterieel 3 tot 5 jaar
Bedrijfs- en kantooruitrusting 4 tot 10 jaar

De afschrijvingsperiode, economische levensduur en restwaarde van vaste activa worden op geregelde tijdstippen geëvalueerd en aangepast indien nodig.

50.11 VASTE ACTIVA AANGEHOUDEN VOOR VERKOOP

De Groep classificeert een vast actief (of een groep activa die wordt afgestoten) als aangehouden voor verkoop wanneer zijn boekwaarde hoofdzakelijk zal worden gerealiseerd in een verkooptransactie en niet door het voortgezette gebruik ervan.

Onmiddellijk voordat het actief voor het eerst wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, waardeert de Groep de boekwaarde van het actief (of van alle activa en verplichtingen in de Groep) overeenkomstig met de van toepassing zijnde IFRS. Bij de initiële classificatie als aangehouden voor verkoop, worden vaste activa en groepen van activa die worden afgestoten, gewaardeerd tegen de laagste waarde van hun boekwaarde en hun reële waarde minus de verkoopkosten. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen voor elke eerste of latere afschrijving van een actief (of een groep activa die wordt afgestoten) tot de reële waarde minus verkoopkosten.

Vaste activa aangehouden voor verkoop worden niet langer afgeschreven.

50.12 FINANCIËLE INSTRUMENTEN

50.12.1 Financiële activa

Financiële activa omvatten investeringen in obligaties en aandelen van een ander bedrijf, geldmiddelen, leningen, handelsvorderingen, vorderingen uit leaseovereenkomsten en overige vorderingen evenals derivaten.

Leningen en vorderingen worden in de balans opgenomen op het moment dat ze geïnitieerd worden. Alle andere financiële activa neemt de Groep op in haar balans op de transactiedatum, op het moment dat de Groep zich verbindt aan de contractuele bepalingen van het instrument.

Bij eerste opname waardeert de Groep haar financiële activa tegen reële waarde verhoogd met de transactiekosten die rechtstreeks toewijsbaar zijn aan de verwerving van de financiële activa.

De Groep neemt een financieel actief niet langer in de balans op vanaf het moment dat de contractuele rechten op de kasstromen uit het financieel actief aflopen of de Groep de contractuele rechten op de ontvangst van de kasstromen uit het financieel actief overdraagt in een transactie waarbij de risico's en voordelen van eigendom van het financieel actief overgedragen worden. Indien de entiteit nagenoeg alle risico's en voordelen van eigendom van het financieel actief noch overdraagt, noch behoudt, moet de entiteit vaststellen of zij zeggenschap over het financieel actief heeft behouden. In geval van verlies van zeggenschap mag de entiteit het financieel actief niet langer in de balans opnemen. Financiële activa en verplichtingen worden netto in de balans opgenomen, uitsluitend wanneer de Groep beschikt over een wettelijk recht om de bedragen netto voor te stellen en zij de intentie heeft om de betreffende activa en verplichtingen hetzij gelijktijdig hetzij netto af te wikkelen.

A. Financiële activa aan geamortiseerde kostprijs

Na eerste opname worden de financiële activa gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs wanneer het financiële activa betreft die contractueel recht geven op de ontvangst van kasstromen en de contractuele voorwaarden aanleiding geven tot kasuitgaven op specifieke data ten belope van de hoofdsom en de interesten op het openstaand saldo.

De vorderingen van de Groep, zijnde handelsvorderingen, vorderingen uit lease-overeenkomsten en overige vorderingen, en geldmiddelen en kasequivalenten voldoen allemaal aan de definitie en worden bijgevolg gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs.

B. Financiële activa aan reële waarde via de niet gerealiseerde winsten (FVOCI)

De financiële activa worden gewaardeerd aan reële waarde via de niet gerealiseerde winsten wanneer het financiële activa betreft die contractueel recht geven op zowel de ontvangst van kasstromen als de verkoop van financiële activa en de contractuele voorwaarden aanleiding geven tot kasuitgaven op specifieke data ten belope van de hoofdsom en de interesten op het openstaand saldo. Interestinkomsten worden berekend volgens de effectieve rentemethode; valutakoersverschillen en bijzondere waardeverminderingsverliezen worden geboekt in de winst-en verliesrekening. Overige nettowinsten en -verliezen worden geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten. Bij verkoop worden de winsten en verliezen uit de niet-gerealiseerde resultaten overgeboekt naar de winst- en verliesrekening. De Groep's investering in Dilli Illustrate Inc voldoet aan de voorwaarden opgelegd aan financiële activa gewaardeerd aan reële waarde via de niet-gerealiseerde resultaten. De impact van de waardering na eerste opname van deze aandelenparticipatie wordt opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten onder de 'Overige reserves'. Dit item zal niet op een later tijdstip vanuit de niet-gerealiseerde resultaten in de winst- en verliesrekening worden opgenomen.

50.12.2 Financiële verplichtingen

Financiële verplichtingen omvatten obligatieleningen, bankschulden, 'revolving'- en andere kredietfaciliteiten, handelsschulden en overige te betalen posten evenals derivaten.

Financiële verplichtingen worden opgenomen in de balans op transactiedatum, zijnde het moment dat de Groep zich verbindt aan de contractuele bepalingen van het instrument.

Bij eerste opname waardeert de Groep financiële verplichtingen aan reële waarde verminderd met de direct toewijsbare transactiekosten bij de uitgave van de financiële verplichting.

Niet-afgeleide financiële verplichtingen worden na eerste opname gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs met uitzondering van de financiële verplichtingen die hun oorsprong vinden in een overdracht van financiële activa die niet in aanmerking komt voor afboeking of wanneer er nog betrokkenheid bij het afgestoten financieel actief van toepassing is.

De rentedragende verplichtingen worden na initiële opname gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs, waarbij het verschil tussen het initiële bedrag en het aflossingsbedrag pro rata temporis in de winst- en verliesrekening wordt opgenomen op basis van de effectieve rentemethode.

Wanneer een overdracht van financiële activa niet resulteert in afboeking van het actief omdat de entiteit de risico's en voordelen van de eigendom van het betreffende actief behouden heeft, blijft de Groep het getransfereerde actief opnemen in de balans en erkent een financiële verplichting ten belope van de ontvangen vergoeding. Volgend op de eerste opname erkent de Groep een opbrengst op het getransfereerde actief en een kost op de financiële verplichting.

Wanneer de Groep de wezenlijke risico's en voordelen gekoppeld aan de eigendom van het getransfereerde actief niet overdraagt noch

behoudt, blijft de entiteit het getransfereerde actief opnemen in de balans ten belope van de betrokkenheid van de entiteit en erkent tegelijkertijd een bijhorende verplichting.

De betrokkenheid van de Groep in het getransfereerde actief is de mate waaraan zij aan wijzigingen in de waarde van het actief wordt blootgesteld.

De waarde van het getransfereerde actief en daarbij horende verplichting wordt bepaald op basis van de rechten en verplichtingen die de entiteit heeft behouden. De bijhorende verplichting wordt gewaardeerd zodanig dat de netto boekwaarde van het getransfereerde actief en bijhorende verplichting de geamortiseerde kostprijs is van de rechten en verplichtingen behouden door de Groep ervan uitgaande dat het getransfereerde actief aan geamortiseerde kost wordt gewaardeerd.

De Groep neemt een financiële verplichting niet langer op in haar balans wanneer de contractuele verplichtingen ophouden, ontbonden worden of aflopen.

50.12.3 Derivaten en afdekkingtransacties

De Groep maakt gebruik van derivaten voor het beheer van het wisselkoersrisico dat voortvloeit uit de operationele, financiële en investeringsactiviteiten.

De Groep gebruikt volgende types van derivaten: wisselkoers- en andere swap-contracten gebruikt als afdekkingsinstrument waarvoor 'hedge accounting' wordt toegepast en overige wisselkoers- en andere swap-contracten.

De Groep gebruikt termijnwisselcontracten om de variabiliteit in te dekken van de kasstromen afkomstig van wisselkoersfluctuaties verbonden aan toekomstige verkopen. De Groep gebruikt eveneens 'metal-swap'-overeenkomsten om fluctuaties in te dekken van zeer waarschijnlijke aankopen van aluminium. Deze contracten zijn aangeduid als kasstroomafdekkingen van aankopen van grondstoffen in lijn met het verwachte gebruik van grondstoffen door de Groep.

In het kader van haar huidige thesauriepolitiek wendt de Groep geen derivaten aan voor handelsdoeleinden.

Derivaten worden initieel, op het ogenblik dat het derivaat wordt afgesloten, opgenomen aan reële waarde en vervolgens geherwaardeerd aan reële waarde. Wanneer 'cashflow hedge accounting' wordt toegepast wordt het effectieve deel van de winst of verlies opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten, het niet-effectieve deel wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening. De Groep heeft volgende categorieën van derivaten: Reële waarde-afdekkingsinstrumenten en derivaten geclassificeerd als aangehouden voor handelsdoeleinden.

A. Afdekkingsinstrumenten

Termijnwisselcontracten en swap-contracten aangeduid als kasstroomafdekkingen kwalificeren beide als 'Reële waarde-afdekkingsinstrumenten'. Na eerste opname worden ze gewaardeerd tegen reële waarde. Wanneer aan alle voorwaarden opgelegd voor 'hedge accounting' is voldaan, wordt deze toegepast. Dit betekent dat de vereiste documentatie voorhanden is, dat de afdekkingsrelatie kan worden aangetoond en dat de afdekking effectief is. Wanneer hedge-accounting wordt toegepast wordt het effectieve gedeelte van de reële waardeveranderingen opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten, het deel dat niet effectief is wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening.

Wat 'hedge accounting' betreft, heeft de Groep ervoor gekozen om de vereiste van IFRS 9 toe te passen en er niet voor te kiezen om de 'hedge accounting' vereisten van IAS 39 voort te zetten. IFRS 9 vereist dat de aangeduide afdekkingstransacties in overeenkomst zijn met de objectieven van de Groep inzake risicobeheer en strategie en dat een meer kwalitatieve en toekomstgerichte benadering gebruikt wordt in het bepalen van de effectiviteit van de afdekkingstransactie. De Groep gebruikt termijnwisselcontracten om het valutarisico met betrekking tot zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen in te dekken. Veranderingen in de reële waarde van het termijnwisselcontract ten gevolge van veranderingen in contantwisselkoersen worden aangeduid als effectief in kasstroomafdekkingen en worden bijgevolg erkend in niet-gerealiseerde resultaten. Het verschil tussen de termijnkoers en de contantkoers wordt onmiddellijk geboekt in het financieel resultaat onder de voormalige IAS 39 standaard. Overeenkomstig de huidige IFRS 9 standaard zal het verschil tussen termijnkoers en contantkoers eveneens geboekt worden in de winst- en verliesrekening in de nettofinancieringslasten.

De Groep maakt gebruik van 'metal swap'-overeenkomsten die het risico op prijsschommelingen van aluminium indekken. Deze contracten zijn aangeduid als kasstroomafdekkingen en zijn afgesloten voor de levering van grondstoffen in overeenstemming met het verwachte verbruik van de Groep. Onder de voormalige IAS 39 standaard en ook onder de huidige IFRS 9, worden veranderingen in de reële waarde van deze afdekkingsinstrumenten geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten en overgeboekt naar de initiële boekwaarde van de voorraad.

De types van afdekkingsrelaties dat de Groep momenteel aanduidt, voldoen aan de vereisten van IFRS 9 en zijn in overeenstemming met de strategie en doelstellingen van de Groep inzake risicobeheer. De veranderde 'hedge accounting'-vereisten werden prospectief toegepast.

B. Derivaten verplicht gewaardeerd aan reële waarde met reële waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening

Derivaten die economische afdekkingen zijn, doch die niet voldoen aan de strikte criteria voor 'hedge accounting' zoals voorgeschreven door IFRS 9 Financiële instrumenten, worden boekhoudkundig verwerkt als financiële activa of financiële verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening en worden opgenomen in de categorie 'Verplicht gewaardeerd aan reële waarde met rele waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening'. In de winst- en verliesrekening worden de waardeveranderingen opgenomen onder de overige bedrijfsopbrengsten/-kosten of de nettofinancieringslasten afhankelijk van de aard van het actief dat economisch ingedekt is.

50.13 BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGEN

50.13.1 Bijzondere waardeverminderingen van goodwill, immateriële activa en materiële vaste activa

Goodwill en immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur worden jaarlijks op bijzondere waardevermindering getoetst en elke keer wanneer er een aanwijzing bestaat dat zij mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan. Het toetsen op bijzondere waardevermindering gebeurt ieder jaar op hetzelfde ogenblik en op het niveau van de kasstroomgenererende eenheid.

De Groep bepaalt haar kasstroomgenererende eenheden in overeenkomst met de wijze waarop ze haar goodwill beheert en economische voordelen krijgt van de verworven goodwill en immateriële activa. Het toetsen op bijzondere waardevermindering gebeurt door het vergelijken van de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheden met hun realiseerbare waarde, gebaseerd op hun verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tegen een gepaste disconteringsvoet voor belastingen.

De disconteringsvoet die gebruikt wordt in de bepaling van de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen is een disconteringsvoet die gebaseerd is op een gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC). Deze gewogen gemiddelde kapitaalkost gebruikt een verhouding vreemd vermogen versus eigen vermogen van een gemiddelde marktparticipant waarbij een extra risicocomponent toegevoegd werd aan de kost van eigen vermogen. De kost van vreemd vermogen is gebaseerd op voorwaarden die vergelijkbare bedrijven voor hun langetermijnfinanciering zouden kunnen negotiëren. Het risico verbonden aan de verwachtingen van de prijsevoluties van zilver en aluminium is weerspiegeld in de toekomstige kasstromen.

Er wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt indien de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid zijn realiseerbare waarde overtreft. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.

Op iedere rapporteringsdatum dient te worden nagegaan of er een aanwijzing bestaat dat de boekwaarden van de materiële vaste activa, immateriële activa met een beperkte gebruiksduur en financiële activa mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan. Indien een dergelijke indicatie bestaat, wordt de realiseerbare waarde van het actief geraamd. Er wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt als de boekwaarde van een actief zijn realiseerbare waarde overtreft. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.

De realiseerbare waarde van de materiële vaste activa en immateriële activa met een beperkte gebruiksduur is de hoogste waarde van de reële waarde minus verkoopkosten en de gebruikswaarde. Voor de bepaling van de gebruikswaarde worden de geschatte toekomstige kasstromen verdisconteerd naar hun contante waarde op basis van een disconteringsvoet voor belastingen die de tijdswaarde van geld en de aan het actief verbonden specifieke risico's weerspiegelt.

Een bijzonder waardeverminderingsverlies dat in voorgaande perioden voor een actief, met uitsluiting van goodwill, werd opgenomen, wordt teruggeboekt als en slechts als er sinds de opname van het laatste bijzonder waardeverminderingsverlies een wijziging heeft plaatsgevonden in de schattingen die gebruikt worden om de realiseerbare waarde van het actief te bepalen.

50.13.2 Bijzondere waardeverminderingen op activa uit gebruiksrechten

Op elke rapporteringsdatum analyseert de Groep al haar activa uit gebruiksrechten om na te gaan of er geen bijzondere waardevermindering dient geboekt te worden. Een indicatie tot mogelijks bijzonder waardeverminderingsverlies kan zijn dat een contract aangegaan als leasingnemer verlieslatend wordt in welk geval een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt wordt, zijnde de laagste reële waarde van de verwachte kost om het contract te beëindigen en de verwachte nettokost om het contract toch verder te laten lopen.

Een geboekt bijzonder waardeverminderingsverlies wordt tegengedraaid, enkel wanneer de boekwaarde van het actief niet hoger is dan de waarde die zou zijn vastgesteld na aftrok van afschrijvingen indien er geen bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt zou zijn geweest.

50.13.3 Bijzondere waardeverminderingen van financiële activa en contractuele activa verbonden aan contracten met klanten

De nieuwe IFRS 9 standaard vervangt het huidige model dat gebruikt wordt voor het boeken van bijzondere waardeverminderingsverliezen en dat gebaseerd is op opgelopen verliessituaties door een model dat gebaseerd is op verwachte verliezen op het moment dat het actief voor de eerste maal geboekt wordt. Dit vereist aanzienlijke beoordelingen over hoe veranderingen in economische factoren de verwachte verliezen kunnen beïnvloeden. De Groep zal de vereenvoudigde methode toepassen voor de evaluatie van handelsvorderingen, leasevorderingen en contractuele activa verbonden aan contracten met klanten wat inhoudt dat verwachte verliezen voor deze categorieën van activa steeds berekend worden ten belope van de verwachte verliezen over de gehele looptijd van de activa. Kredietverliezen worden berekend als de verdisconteerde waarde van alle tekorten in kasstromen zijnde het verschil tussen de kasstromen waar de onderneming recht op heeft en wat de onderneming verwacht te ontvangen.

De gebruikte input en veronderstellingen in dit verwachte verliesmodel zijn de volgende: ernstige financiële moeilijkheden waarin een tegenpartij zich zou bevinden, achterstallen van meer dan 90 dagen na vervaldatum van de factuur, een mogelijks faillissement van de tegenpartij, …

De evaluatie voor het boeken van eventuele bijzondere waardeverminderingsverliezen houdt rekening met toekomstgerichte elementen. Alle debiteuren worden gegroepeerd in risicocategorieën gebaseerd op kwantitatieve en kwalitatieve kenmerken. Deze indeling in risicocategorieën wordt ieder jaar beoordeeld, rekening houdend met relevante toekomstgerichte informatie zoals informatie van externe kredietbeoordelingsbureaus, ouderdomsanalyse van de business, landenrisico en de individuele beoordeling van de kredietmanager. De Groep tracht het kredietrisico te beperken door gebruik te maken van kredietverzekering en andere kredietverzachtende hulpmiddelen zoals wissels, bankgaranties, hypotheek.

De methodologie, gehanteerd door de Groep voor de evaluatie van bijzondere waardeverminderingsverliezen, is dus gebaseerd op individueel nazicht van uitstaande vorderingen rekening houdend met toekomstgerichte informatie. Daarom heeft de introductie van IFRS 9 geen kwantitatieve impact gehad op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep.

50.14 INKOMSTEN UIT LEASEOVEREENKOMSTEN

50.14.1 Waarderingsregels van toepassing vanaf 1 januari 2019

Bij het aangaan van een overeenkomst beoordeelt de Groep of het contract al dan niet een leasecomponent bevat. Een overeenkomst bevat een leasecomponent als de overeenkomst het gebruiksrecht van een gespecifiëerd actiefbestanddeel overbrengt in ruil voor een vergoeding. Ter beoordeling van het feit of dat het contract al dan niet een gebruiksrecht overdraagt, baseert de Groep zich op de definitie van een leaseovereenkomst uit de standaard IFRS 16. Deze regel wordt toegepast op contracten afgesloten op of na 1 januari 2019.

A. Als een leasingnemer

Bij aanvang of aanpassing van een contract dat een leasecomponent bevat, zal de Groep de verkoopprijs van het contract toewijzen naar elke leasecomponent op basis van de relatieve verkoopprijs wanneer deze componenten apart verkocht worden. De Groep heeft ervoor geopteerd om de niet-leasecomponenten niet af te zonderen en zal zowel de leasecomponenten als de niet-leasecomponenten behandelen als éénzelfde leaseovereenkomst.

Op de aanvangsdatum van de lease erkent de Groep een met een gebruiksrecht overeenstemmend actief en een leaseverplichting. Het gebruiksrecht wordt initieel bij eerste opname geboekt aan kostprijs, die bestaat uit het bedrag van eerste waardering van de leaseverplichting, alle op of voor de aanvangsdatum verrichte leasebetalingen, vermeerderd met alle door de leasingnemer gemaakte initiële directe kosten en een schatting van de door de leasingnemer te maken kosten voor ontmanteling en verwijdering van het onderliggend actief en van het herstel van het terrein waar het zich bevindt, verminderd met alle ontvangen lease-incentives.

Het gebruiksrecht wordt na eerste opname lineair afgeschreven vanaf aanvangsdatum tot einde looptijd van het contract. Indien de leaseovereenkomst de eigendom van het onderliggende actief aan het einde van de leaseperiode aan de leasingnemer overdraagt of indien de kosten van het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief weerspiegelen dat de leasingnemer een aankoopoptie zal

205

uitoefenen, moet de leasingnemer het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief afschrijven vanaf de aanvangsdatum tot aan het einde van de gebruiksduur van het onderliggende actief. Anders moet de leasingnemer het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief afschrijven vanaf de aanvangsdatum tot het vroegste van de volgende twee momenten: het einde van de gebruiksduur van het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief of het einde van de leaseperiode. Het gebruiksrecht dient periodiek verminderd te worden met eventuele bijzondere waardeverminderingsverliezen, en aangepast worden voor bepaalde herwaarderingen van de leaseverplichting. Op de aanvangsdatum moet een leasingnemer de leaseverplichting waarderen tegen de contante waarde van de leasebetalingen die op die datum niet zijn verricht. De leasebetalingen moeten worden gedisconteerd op basis van de impliciete rentevoet van de leaseovereenkomst, mits die op eenvoudige wijze kan worden bepaald. Indien die rentevoet niet op eenvoudige wijze kan worden bepaald, moet de leasingnemer de marginale rentevoet van de Groep gebruiken. De Groep gebruikt in het algemeen haar marginale rentevoet als verdisconteringsvoet. De verdisconteringsvoet wordt tweemaal per jaar berekend als het rendement op een overheidsobligatie per land met vergelijkbare resterende looptijd (bron: Reuters), verhoogd met een risicopremie die het risicoprofiel van de Groep weergeeft. Deze risicopremie verschilt van het landenrisico volgens de OESO. Afhankelijk van een laag, medium of hoog landenrisico wordt een verschillende risicocomponent toegevoegd. Op deze manier wordt er een matrix van marginale rentevoeten samengesteld met zes verschillende looptijdcategorieën en 50 landen.

De leasebetalingen vervat in de waardering van de leaseverplichting omvatten:

  • vaste betalingen, met inbegrip van in wezen vaste betaalde leaseverplichtingen;
  • variabele leasebetalingen die van een index of rentevoet afhankelijk zijn en die bij eerste opname op basis van de index of rentevoet op de aanvangsdatum worden;
  • de uitoefenprijs van een aankoopoptie indien het redelijk zeker is dat de leasingnemer deze optie zal uitoefenen; en betalingen van boetes voor het beëindigen van de leaseovereenkomst, indien de leaseperiode de uitoefening door de leasingnemer van een optie tot beëindiging van de leaseovereenkomst weerspiegelt behalve indien de Groep redelijk zeker is dat de lease niet vervroegd zal beëindigd worden.

De leaseverplichting wordt gewaardeerd tegen de contante waarde op basis van de effectieve interestmethode. De leaseverplichting dient geherwaardeerd te worden bij veranderingen in de leasebetalingen ten gevolge van wijzigingen in een index of rentevoet indien er een aanpassing is van de beoordeling of een aankoopoptie al dan niet zal uitgeoefend worden, een verlenging zal doorgevoerd worden van de leasetermijn of een vervroegde beëindiging, of indien er een wijziging is van de in wezen vaste betaalde leaseverplichtingen. Het bedrag van de herwaardering van de leaseverplichting wordt opgenomen als een aanpassing van het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief. Indien de boekwaarde van het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief echter tot nul is afgeboekt en er van een verdere vermindering van de waardering van de leaseverplichting sprake is, moet een leasingnemer elk resterend bedrag van de herwaardering in winst of verlies opnemen.

De Groep heeft ervoor geopteerd om geen gebruiksrecht en geen leaseverplichtingen te erkennen voor leaseovereenkomsten met een lage waarde (voornamelijk IT-materiaal) en leasecontracten met een korte looptijd van minder dan 12 maanden. De Groep erkent de leasebetalingen voor deze contracten in de winst- en verliesrekening evenredig gespreid over de leasetermijn.

In de geconsolideerde balans worden de gebruiksrechten apart voorgesteld en zitten de leaseverplichtingen vervat in rentedragende verplichtingen. De leasebetalingen die vervallen binnen de 12 maanden na balansdatum worden voorgesteld als kortlopende verplichtingen, deze die vervallen meer dan 12 maanden na balansdatum worden voorgesteld als langlopende verplichtingen.

B. Als een leasinggever

Wanneer de Groep leasinggever is, wordt bij aanvang van het leasecontract bepaald of de lease een financiële lease dan wel een operationele lease is. Om elk contract te classificeren, maakt de Groep een algemene inschatting of dat de leaseovereenkomst al dan niet alle aan het eigendom verbonden risico's en voordelen overdraagt naar de klant. Als dit het geval is wordt het contract behandeld als een financiële leaseovereenkomst, indien niet dan wordt het behandeld als een operationele leaseovereenkomst. De algemene inschatting houdt rekening met bepaalde indicatoren zoals of dat de leaseovereenkomst aangegaan wordt voor het belangrijkste deel van de economische levensduur van het actief.

Het overgrote deel van de leaseovereenkomsten waarbij de klant als economische eigenaar van het actief wordt beschouwd, wordt afgesloten met Agfa Finance (zijnde Agfa Finance NV, haar filialen en Agfa Finance Corp. en Agfa Finance Inc.).

Op leaseovereenkomsten aangegaan uit hoofde van de producent wordt op basis van de grondslagen voor de erkenning van opbrengsten uit de verkoop van goederen een verkoopwinst erkend. 206

Dit betekent dat de Onderneming opbrengsten en daaraan gerelateerde winstmarge erkent op het ogenblik dat de fabriekseenheid of een verbonden onderneming Agfa Finance factureert bij het begin van de leaseovereenkomst met de eindklant. Een commerciële overeenkomst waarbij een bepaald toestel wordt gefinancierd door een halflange- of langetermijnovereenkomst waarbij de klant zich verbindt tot het kopen van een bepaalde hoeveelheid verbruiksgoederen aan een hogere waarde dan hun marktwaarde wordt een 'bundle deal' genoemd. Betalingen voor financiële leaseovereenkomsten afgesloten in de vorm van 'bundle deals' worden aangewend voor de aflossing van de openstaande invorderbare minimale leasebetalingen en de vergoeding voor de verkochte verbruiksgoederen op basis van hun verkoopprijs wanneer ze apart worden verkocht.

Invorderbare minimale leasebetalingen waarbij de Groep als leasinggever alle aan het eigendom verbonden risico's en voordelen overdraagt naar de klant worden opgenomen als vordering voor een bedrag gelijk aan de contante waarde van de toekomstige minimale leasebetalingen. Baten uit financiële leaseovereenkomsten – gerapporteerd onder 'Overige bedrijfsopbrengsten' – worden vervolgens zodanig aan iedere periode van de totale leasetermijn toegerekend dat dit resulteert in een constante periodieke rentevoet.

In de balans worden vorderingen uit financiële leaseovereenkomsten apart gepresenteerd. Vorderingen uit financiële leaseovereenkomsten die vervallen binnen het jaar worden gepresenteerd als kortlopende activa. Vorderingen uit financiële leaseovereenkomsten die vervallen op meer dan één jaar na balansdatum worden gepresenteerd als langlopende activa.

De Groep hanteert de regelgeving omtrent uitboeking en bijzondere waardevermindering zoals gestipuleerd door IFRS 9 op het netto investeringsbedrag van de lease.

Opbrengsten uit operationele leaseovereenkomsten voor de verhuur van bedrijfsruimte en -uitrusting – gerapporteerd onder 'Overige bedrijfsopbrengsten' – worden lineair over de looptijd van de lease opgenomen.

De waarderingsregels van toepassing op de Groep als leasinggever in vergelijkbare perioden zijn niet verschillend van IFRS 16.

50.14.2 Waarderingsregels van toepassing voor 1 januari 2019

Voor contracten aangegaan vóór 1 januari 2019 bepaalde de Groep of de overeenkomst al dan niet een leaseovereenkomst was of een leasecomponent bevatte op basis van het feit dat:

  • De uitvoering van het contract al dan niet afhankelijk was van het gebruik van een specifiek actief of activa; en
  • De overeenkomst het gebruiksrecht van het actief had overgedragen. Het gebruiksrecht van een actief wordt overgedragen ingeval
  • De aankoper van het actief de mogelijkheid had om het actief te exploiteren en meer dan een insignificant deel van de output kon verkrijgen of controleren;
  • De aankoper de mogelijkheid of het recht had om de fysieke toegang tot het actief te controleren en zo meer dan een insignificant deel van de output te verkrijgen of te controleren; of
  • Er een indicatie was op basis van feiten en omstandigheden dat er slechts een geringe kans zou bestaan dat derde partijen meer dan een insignificant deel van de output zouden verkrijgen of controleren; en dat de prijs per eenheid geen vaste prijs per eenheid was en niet de heersende marktprijs was per eenheid van output.

A. Als leasingnemer

Tot jaareinde 2018 classificeerde de Groep als leasingnemer alle leasecontracten die alle aan het eigendom verbonden risico's en voordelen overdragen, als financiële leaseovereenkomsten. De geleasde activa werden bij eerste opname geboekt aan de laagste waarde van de reële waarde van de activa en de contante waarde van de toekomstige minimale leasebetalingen. Minimale leasebetalingen waren de betalingen die de leasingnemer over de leasetermijn diende te maken, met uitzondering van conditionele huren. Na eerste opname werden de geleasde activa gewaardeerd in overeenkomst met de waarderingsregels van toepassing op het desbetreffende actief.

Aangehouden activa onder overige leasecontracten werden geclassificeerd als operationele leaseovereenkomsten en werden niet opgenomen in de balans. Betalingen van operationele leaseovereenkomsten werden in de winst- en verliesrekening opgenomen en evenredig gespreid over de looptijd van de lease. Ontvangen leasestimulansen werden erkend als integraal onderdeel van de totale leasekost, gespreid over de leasetermijn.

B. Als leasinggever

Wanneer de Groep optreedt als leasinggever werd er bepaald bij aanvang van het leasecontract of dat dit een financiële dan wel een operationele leaseovereenkomst was. Om elk contract te classificeren, maakte de Groep een algemene inschatting of dat de leaseovereenkomst al dan niet alle aan het eigendom verbonden risico's en voordelen overdraagt naar de klant.

Als dit het geval was, werd het contract behandeld als een financiële leaseovereenkomst, indien niet dan werd het behandeld als een operationele leaseovereenkomst. De algemene inschatting hield rekening met bepaalde indicatoren zoals dat de leaseovereenkomst aangegaan werd voor het belangrijkste deel van de economische levensduur van het actief.

De waarderingsregels voor de Groep als leasinggever van toepassing voor 1 januari 2019 waren niet verschillend van de regelgeving onder IFRS 16.

50.15 OVERIGE ACTIVA

Overige activa omvatten uitgestelde kosten en andere niet-financiële activa. Uitgestelde kosten betreffen door de Onderneming voor balansdatum betaalde bedragen die betrekking hebben op kosten voor toekomstige boekjaren (vooruitbetalingen). Voorbeelden van uitgestelde kosten zijn de huurgelden, interesten en verzekeringspremies, betaald voor balansdatum maar met betrekking tot een welbepaalde periode na balansdatum.

Niet-financiële activa worden gewaardeerd aan kostprijs. Uitgestelde kosten worden lineair of naarmate de betreffende diensten worden verstrekt, opgenomen in de winst- en verliesrekening.

50.16 VOORRADEN

Grondstoffen, hulpgoederen en handelsgoederen zijn gewaardeerd aan aanschaffingswaarde.

Goederen in bewerking en afgewerkte producten zijn gewaardeerd aan kostprijs. De kostprijs omvat naast de directe productie- en materiaalkosten, een evenredig deel van de indirecte kosten ('overheads') van de productie en het materiaal en een evenredig deel van de afschrijvingen van de activa die in het productieproces werden gebruikt. Bovendien wordt een evenredig deel van de kosten voor het bedrijfspensioenplan en andere vrijwillige personeelsbeloningen toegerekend. Administratiekosten zijn inbegrepen voor zover ze verband houden met de productie.

De voorraden worden gewaardeerd volgens de methode van de gewogen gemiddelde kostprijs. Indien de aanschaffingswaarde of de kostprijs hoger is dan de opbrengstwaarde, wordt de waardering aan de lagere opbrengstwaarde toegepast. De opbrengstwaarde is gelijk aan de geschatte normale verkoopprijs, verminderd met de geschatte kosten die nodig zijn om de verkoop te realiseren.

De aanschaffingswaarde of kostprijs van de voorraad is om volgende redenen mogelijks niet recupereerbaar:

  • Overtollige voorraad: dit wordt bepaald op basis van een lijst van producten zonder of met weinig beweging of producten dicht bij vervaldatum;
  • Beschadigde producten of producten met kwaliteitsproblemen;
  • Gedaalde verkoopprijzen.

Binnen de Groep zijn afwaarderingen van voorraden voornamelijk het gevolg van overtollige voorraden.

50.17 GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN

Geldmiddelen en kasequivalenten omvatten geldmiddelen, ontvangen cheques, en saldi ten opzichte van banken en kredietinstellingen. Kasequivalenten zijn erg liquide financiële instrumenten op korte termijn die weinig onderhevig zijn aan risico's op waardeverandering, gemakkelijk te converteren zijn in geldmiddelen en een vervaldag hebben gelijk aan of minder dan drie maanden na aanschaffing van de belegging.

50.18 MAATSCHAPPELIJK KAPITAAL

Gewone aandelen worden opgenomen in het eigen vermogen.

Transactiekosten verbonden aan de uitgifte van nieuwe aandelen worden netto na aftrek van belastingen opgenomen in mindering van ingehouden winsten.

Indien aandelen die het eigen vermogen vertegenwoordigen terug worden ingekocht, wordt het betaalde bedrag met inbegrip van de aanverwante kosten, netto na aftrek van belastingen, in mindering gebracht van het eigen vermogen. Ingekochte eigen aandelen worden als 'Reserve voor eigen aandelen' in mindering van het eigen vermogen gebracht. Vernietigde eigen aandelen worden getransfereerd van 'Reserve voor eigen aandelen' naar 'Ingehouden winsten'.

50.19 VOORZIENINGEN

Voorzieningen worden in de balans opgenomen indien een onderneming van de Groep een bestaande verplichting heeft (in rechte afdwingbare of feitelijke) ten gevolge van een gebeurtenis van het verleden en als het waarschijnlijk is dat de afwikkeling van deze verplichting resulteert in een uitstroom van middelen die economische voordelen in zich bergen en een betrouwbare inschatting gemaakt kan worden van het bedrag van de verplichting.

Het bedrag van de voorziening is gebaseerd op de best mogelijke schatting van de uitgaven die vereist zijn om de bestaande verplichting op de rapporteringsdatum af te wikkelen.

Indien het effect van de tijdswaarde van geld materieel is, worden voorzieningen verdisconteerd op basis van een disconteringsvoet vóór belastingen waarbij rekening wordt gehouden met de huidige marktbeoordelingen voor de tijdswaarde van het geld en de risico's die inherent zijn aan de verplichting.

50.19.1 Reorganisatiekosten

Een voorziening voor reorganisatiekosten wordt geboekt indien de Groep formeel een gedetailleerd reorganisatieplan heeft goedgekeurd en bij de betrokkenen een geldige verwachting heeft gewekt dat de reorganisatie zal worden doorgevoerd door het plan te beginnen uitvoeren of door de belangrijke kenmerken ervan mee te delen aan de betrokkenen. Voor toekomstige exploitatieverliezen worden geen voorzieningen opgenomen.

50.19.2 Milieu

Indien er terreinen vervuild zijn, dan wordt er, in overeenstemming met de gepubliceerde milieupolitiek van de Groep en de van toepassing zijnde wettelijke verplichtingen, een voorziening voor bodemsanering aangelegd.

50.19.3 Omzetgerelateerd

Omzetgerelateerde voorzieningen omvatten voornamelijk commissies op opbrengsten, voorzieningen voor garantieverplichtingen en commerciële betwistingen. Een voorziening voor garantieverplichtingen gerelateerd aan producten wordt aangelegd op moment van opbrengstenerkenning en reflecteert de verwachte vervangingskost voor de Groep.

50.19.4 Verlieslatende contracten

Een voorziening voor verlieslatende contracten wordt erkend wanneer de verwachte voordelen van een contract voor de Groep lager zijn dan de onvermijdbare kosten van het contract. Deze provisies worden geboekt voor dreigende verliezen uit aankoop- en verkoopcontracten ten belope van de verwachte verliezen.

50.20 CONTRACTUELE VERPLICHTINGEN VERBONDEN AAN CONTRACTEN MET KLANTEN

De Groep past IFRS 15 Opbrengsten uit contracten met klanten toe vanaf 1 januari 2018. IFRS 15 heeft de begrippen 'Contractuele activa en contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten' geïntroduceerd.

Contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten omvatten uitgestelde opbrengsten en vooruitbetalingen evenals de tijdens het jaar opgebouwde verplichtingen voor omzetkortingen en rabatten met betrekking tot tijdens het boekjaar geleverde goederen en diensten.

50.21 OVERIGE VERPLICHTINGEN

Overige verplichtingen hebben voornamelijk betrekking op bedrijfsopbrengsten die nog niet verworven zijn. Overheidssubsidies zijn een typisch voorbeeld van uitgestelde overige bedrijfsopbrengsten. Ze worden als bedrijfsopbrengst in de winst- en verliesrekening opgenomen zodra er redelijke zekerheid bestaat dat zij zullen worden ontvangen en dat de Groep zal voldoen of reeds voldoet aan de daaraan verbonden voorwaarden. Subsidies ter compensatie van door de Groep gemaakte kosten worden in de winst- en verliesrekening opgenomen in dezelfde functionele rapporteringslijn waar tevens de kosten worden gepresenteerd. Zij worden systematisch aan de kosten toegewezen waarop ze betrekking hebben. Subsidies, toegekend voor de aankoop of productie van activa (immateriële activa of materiële vaste activa), worden bij eerste opname in de balans gepresenteerd als uitgestelde overige bedrijfsopbrengsten en vervolgens in de winst- en verliesrekening opgenomen, gespreid over de gebruiksduur van het actief. Overheidssubsidies toegekend voor toekomstige kosten worden verwerkt als uitgestelde overige bedrijfsopbrengsten.

51. NIEUWE STANDAARDEN EN INTERPRETATIES VAN STANDAARDEN GEPUBLICEERD, NOG NIET VAN KRACHT PER EINDE BOEKJAAR

Een aantal reeds gepubliceerde IFRS-standaarden, herzieningen aan IFRS-standaarden en nieuwe interpretaties van IFRS-standaarden waren nog niet van kracht per 31 december 2019 en werden dus niet toegepast in de opstelling van de geconsolideerde jaarrekening. De Groep zal deze standaarden toepassen nadat deze zijn goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie. Het betreft:

• Wijzigingen in referenties naar het conceptueel kader in IFRS-standaarden

In maart 2018 publiceerde de IASB 'Wijzigingen in referenties naar het conceptueel kader in IFRS-standaarden', van toepassing voor jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2020. Deze aanpassingen werden bekrachtigd voor toepassing binnen de Europese Unie in november 2019. Deze aanpassingen bevatten een aantal fundamentele concepten van financiële verslaggeving die het conceptueel kader voor financiële verslaggeving uitgegeven in 2010 vervangen. Het conceptueel kader voor financiële verslaggeving beschrijft het objectief en de concepten van financiële verslaggeving. Het bevat een nieuw hoofdstuk aangaande waardering, begeleiding inzake rapportering van financiële prestaties, verbeterde definities van activa en verplichtingen, en verduidelijkingen van enkele belangrijke domeinen zoals de neutraliteit, het voorzichtigheidsprincipe en het omgaan met onzekerheden in financiële rapportering. De Groep zal deze begrippen toepassen vanaf 1 januari 2020 na bekrachtiging voor gebruik binnen de Europese Unie.

• Aanpassingen aan IFRS 3 Bedrijfscombinaties

In oktober 2018 publiceerde de IASB, aanpassingen aan IFRS 3 Bedrijfscombinaties van toepassing op overnames na 1 januari 2020. Deze aanpassingen werden nog niet bekrachtigd voor toepassing binnen de Europese Unie. Deze aanpassingen verduidelijken wanneer een transactie dient verwerkt te worden als een bedrijfscombinatie of eerder als een aankoop van activa. De IASB introduceert een optionele concentratietest. Dit betreft een vereenvoudigde beoordeling die zal resulteren in de verwerving van activa indien de reële waarde van de activa vrijwel volledig geconcentreerd is in één enkel identificeerbaar actief of een groep vergelijkbare activa. Als de test negatief blijkt, dient er een gedetailleerde oefening gemaakt te worden op basis van de vereisten van IFRS 3 Bedrijfscombinaties. De Groep zal deze aanpassingen toepassen voor acquisities vanaf 1 januari 2020 en na bekrachtiging door de Europese Unie.

• Aanpassingen aan IAS 1 en IAS 8: Definitie van materieel bedrag

In oktober 2018 publiceerde de IASB, aanpassingen aan IAS1 en IAS 8 van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2020. Deze aanpassingen werden bekrachtigd voor toepassing binnen de Europese Unie in november 2019. De aanpassingen brengen een nieuwe definitie van 'Materieel bedrag' en verduidelijken dat een bedrag aanzien wordt als materieel ingeval de weglating, verkeerde voorstelling of onduidelijkheid invloed zou hebben op beslissingen die de primaire gebruikers van financiële overzichten maken. De wijzigingen verduidelijken dat materialiteit zal afhangen van de aard en omvang van de informatie. De Groep zal deze aanpassingen toepassen vanaf 1 januari 2020.

• Aanpassingen aan IFRS 9, IAS 39 en IFRS 7: Hervorming van de interestvoet benchmark

In september 2019 publiceerde de IASB aanpassingen aan IFRS 9, IAS 39 en IFRS 7 van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 januari 2020. Deze aanpassingen werden goedgekeurd voor gebruik binnen de Europese Unie in januari 2020. Als gevolg van de financiële crisis werd een hervorming van de benchmark interestvoeten zoals LIBOR en andere interbanken interestvoeten ('IBORs') een prioriteit voor de regulatoren. De IASB heeft aanpassingen gepubliceerd aan IFRS 9, IAS 39 en IFRS 7 die versoepeling geven met betrekking tot de hervorming van de benchmark interestvoeten. De versoepelingen hebben betrekking op 'hedge accounting' en stellen dat de 'IBOR'-hervorming geen aanleiding zal geven tot hedge ineffectiviteit. Elke hedge ineffectiviteit die ontstaat dient te blijven verwerkt te worden in de winst- en verliesrekening. De versoepelingen stellen dat een entiteit kan veronderstellen dat de interestvoet waarop ingedekte kasstromen zijn gebaseerd niet zullen veranderen tengevolge van de hervorming van de interestvoeten. De aanpassingen vereisen toelichtingen van de nominale bedragen van de indekkingsinstrumenten waarop de hervorming van toepassing zullen zijn, toelichtingen van de significante veronderstellingen en gemaakte aannames inzake deze versoepelingen en kwantitatieve toelichtingen wat de impact is van deze IBOR-hervormingen op de entiteit en hoe de entiteit deze overgang zal aanpakken. Deze aanpassingen zullen geen effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• Aanpassingen aan IAS 1 Presentatie van financiële staten: Classificatie van verplichtingen als langlopend of als kortlopend In januari 2020 publiceerde de IASB-aanpassingen aan IAS 1 met betrekking tot de classificatie van verplichtingen. Deze aanpassingen zijn van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 januari 2022 en dienen retroactief toegepast te worden. De aanpassingen Classificatie van verplichtingen als langlopend of als kortlopend (IAS 1 aanpassingen) hebben enkel betrekking op de presentatie van verplichtingen in de balans en niet op het bedrag noch op het tijdstip van erkenning van een activa, verplichting, inkomsten of kosten noch op de toelichtingen omtrent deze items. De Groep zal de aanpassingen toepassen na bekrachtiging door de Europese Unie.

Verslag van de commissaris aan de algemene vergadering van Agfa-Gevaert NV over de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2019

In het kader van de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van Agfa-Gevaert NV (de "Vennootschap") en zijn dochterondernemingen (samen de "Groep"), leggen wij u ons commissarisverslag voor. Dit bevat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2019, alsook de overige door wet- en regelgeving gestelde eisen. Dit vormt een geheel en is ondeelbaar.

Wij werden benoemd in onze hoedanigheid van commissaris door de algemene vergadering van 14 mei 2019, overeenkomstig het voorstel van het bestuursorgaan uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité en op voordracht van de ondernemingsraad. Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening afgesloten op 31 december 2021. Wij hebben de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van Agfa-Gevaert NV uitgevoerd gedurende 42 opeenvolgende boekjaren.

Verslag over de geconsolideerde jaarrekening

Oordeel zonder voorbehoud

Wij hebben de wettelijke controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van de Groep over het boekjaar afgesloten op 31 december 2019 opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften. Deze geconsolideerde jaarrekening omvat de geconsolideerde balans op 31 december 2019, alsook de geconsolideerde winst- en verliesrekening, het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, het geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht over het boekjaar afgesloten op die datum evenals de toelichting bestaande uit een overzicht van de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige informatieverschaffing. Het totaal van de geconsolideerde balans bedraagt 2.294 miljoen euro en de geconsolideerde winst- en verliesrekening sluit af met een verlies van het boekjaar van 48 miljoen euro.

Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van het vermogen en de financiële toestand van de Groep op 31 december 2019, alsook van zijn geconsolideerde resultaten en van zijn geconsolideerde kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.

Basis voor het oordeel zonder voorbehoud

Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens de internationale controlestandaarden (ISA's) zoals van toepassing in België. Wij hebben bovendien de door IAASB goedgekeurde internationale controlestandaarden toegepast die van toepassing zijn op de huidige afsluitdatum en nog niet goedgekeurd op nationaal niveau. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn verder beschreven in de sectie "Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening" van ons verslag. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid.

Wij hebben van het bestuursorgaan en van de aangestelden van de Vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.

Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.

Benadrukking van een bepaalde aangelegenheid – COVID-19

Wij vestigen de aandacht op toelichting 47 in de geconsolideerde jaarrekening waarin de mogelijke effecten van de COVID-19 crisis op de activiteiten en de financiële situatie van de Groep worden beschreven, evenals de maatregelen die door de Groep worden genomen. Ons oordeel is niet aangepast met betrekking tot deze aangelegenheid.

Kernpunten van de controle

Kernpunten van onze controle betreffen die aangelegenheden die naar ons professioneel oordeel het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode. Deze aangelegenheden zijn behandeld in de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover, en wij verschaffen geen afzonderlijk oordeel over deze aangelegenheden.

Bijzondere waardeverminderingen van goodwill en van immateriële activa met onbeperkte levensduur

We verwijzen naar toelichting 27 "Immateriële activa en goodwill" en naar toelichting 50.13 "Bijzondere waardeverminderingen" van de geconsolideerde jaarrekening.

• Omschrijving

De Groep is actief in bedrijfssectoren waar de financiële resultaten worden beïnvloed door concurrentiedruk, een dalende vraag en volatiele grondstofprijzen (zilver en aluminium).

Goodwill en immateriële activa met onbeperkte levensduur worden jaarlijks getoetst voor bijzondere waardevermindering in overeenstemming met IAS 36. Het management maakt een inschatting van de realiseerbare waarde door een verdiscontering van verwachte toekomstige kasstromen om te bepalen of deze activa onderhevig zijn aan bijzondere waardeverminderingen op 31 december 2019 en om de grootte van deze bijzondere waardeverminderingen te bepalen. Deze beoordeling wordt uitgevoerd op het niveau van de kasstroomgenererende eenheid en houdt rekening met de verandering in de bedrijfssegmenten die de groep in 2019 heeft doorgevoerd. Bijzondere waardeverminderingen op goodwill en immateriële activa met onbeperkte levensduur is een kernpunt van controle door:

  • de omvang van deze balanspositie (zijnde 24,7% van 'Totaal Activa'); en
  • het vereiste inschattingsvermogen van het management om de analyse met betrekking tot de bijzondere waardeverminderingen te beoordelen. Met name de inputs die worden gebruikt bij zowel het voorspellen als verdisconteren van toekomstige kasstromen ter bepaling van de realiseerbare waarde.

• Onze controlewerkzaamheden

Onze controlewerkzaamheden omvatten, onder meer:

  • We evalueerden het proces waarmee de kasstroomprognoses door het management werden opgesteld, inclusief het testen van de onderliggende berekeningen en het afstemmen van de prognoses met de laatste door de Raad van Bestuur goedgekeurde financiële doelstellingen.
  • Wij analyseerden het inschattingsvermogen van de Groep om kasstromen nauwkeurig te voorspellen en beoordeelden de redelijkheid van de huidige voorspellingen door belangrijke aannames te vergelijken met historische resultaten, economische en sectorale prognoses alsook interne planningsgegevens.
  • We beoordeelden de gepastheid van de waarderingsmethodologie van de Groep en de bepaling van de verdisconteringsvoeten, mede door inschakeling van waarderingsspecialisten.
  • Verder hebben we sensitiviteitsanalyses uitgevoerd rond de belangrijkste aannames die zijn gebruikt voor het bepalen en het verdisconteren van de kasstroomprognoses, in het bijzonder de verdisconteringsvoeten, groeipercentages en grondstoffenprijzen. We hebben onderzocht hoe het management de specifieke risicofactoren van de Groep en haar activiteiten heeft verwerkt in de kasstroomprognoses en verdisconteringsvoeten en hebben ook rekening gehouden met de reële waarde verminderd met de 'kostprijs van verkopen'-informatie verkregen uit de verwachte vervreemding van een deel van de IT-activiteiten in de gezondheidszorg. Na te hebben vastgesteld vanaf welke waarde de aannames hetzij afzonderlijk hetzij gezamenlijk ervoor zouden zorgen dat goodwill en immateriële activa met onbeperkte levensduur onderhevig zouden zijn aan een bijzondere waardevermindering, hebben we de waarschijnlijkheid van een dergelijke beweging in de belangrijkste aannames beoordeeld.
  • Verder hebben we de geschiktheid van de toelichtingen van de Groep met betrekking tot bijzondere waardeverminderingen beoordeeld, zoals opgenomen in toelichting 27 bij de geconsolideerde jaarrekening.

Realiseerbaarheid van uitgestelde belastingvorderingen

We verwijzen naar toelichting 17 "Winstbelastingen" en 50.7.2 "Uitgestelde winstbelastingen" van de geconsolideerde jaarrekening.

• Omschrijving

De Groep heeft aanzienlijke fiscale verliezen en aftrekbare tijdelijke verschillen opgebouwd uit het verleden waarvoor een uitgestelde belastingvordering van 122 miljoen euro werd erkend.

Er bestaat een inherente onzekerheid bij het beoordelen van de beschikbaarheid van toekomstige belastbare winsten, hetgeen bepaalt in welke mate uitgestelde belastingvorderingen al dan niet worden erkend.

Vanwege de omvang van deze positie alsook het inschattingsvermogen nodig om deze rubriek te beoordelen, is dit een kernpunt van onze controle.

• Onze controlewerkzaamheden

Onze controlewerkzaamheden omvatten, onder meer:

  • We hebben de gepastheid van de aannames en inschattingen van de Groep bij het bepalen van het niveau van de fiscale verliezen en de aftrekbare tijdelijke verschillen waarvoor uitgestelde belastingvorderingen worden erkend beoordeeld.
  • We hebben de inschattingen van de Groep met betrekking tot de waarschijnlijkheid van het genereren van voldoende belastbare winsten om de erkenning van uitgestelde belastingvorderingen te ondersteunen beoordeeld, waaronder een beoordeling van de bedrijfsplannen op lange termijn, de historische en geprojecteerde belastbare winstprognoses op het niveau van de juridische entiteit, belastingplanningsstrategieën alsook de sensitiviteit voor wijzigingen in aannames.
  • Verder hebben we de geschiktheid van de toelichtingen van de Groep met betrekking tot winstbelastingen beoordeeld, die zijn opgenomen in toelichting 17 bij de geconsolideerde jaarrekening.

Waardering van vergoedingen na uitdiensttreding

We verwijzen naar toelichting 13 "Vergoedingen na uitdiensttreding" en 50.4 "Personeelsbeloningen" van de geconsolideerde jaarrekening.

• Omschrijving

In de meeste landen waarin de Groep actief is bestaan er regelingen met betrekking tot vergoedingen na uitdiensttreding. Vergoedingen na uitdiensttreding worden toegekend onder de vorm van toegezegdebijdrageregelingen en toegezegdpensioenregelingen. De Groep financiert haar verplichtingen in dit kader via verzekeringsplannen en via gescheiden activa in pensioenfondsen. De nettoverplichting voor België, Duitsland, VK en VS vertegenwoordigt samen 95,8% van de totale nettoverplichting. Personeelsbeloningen zijn een kernpunt van onze controle wegens:

  • De omvang van de balanspositie (1.125 miljoen euro, wat 49% van de totale passiva vertegenwoordigt); en
  • De belangrijke inschattingen die worden gemaakt bij de waardering van de verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding en de onderliggende activa. Kleine veranderingen in aannames en schattingen die worden gebruikt om de nettoverplichtingen na uitdiensttreding van de Groep te waarderen, zouden een significant effect kunnen hebben op de financiële positie van de Groep.

• Onze controlewerkzaamheden

Onze controlewerkzaamheden omvatten, onder meer:

  • We hebben onze kennis van het waarderingsproces van de Groep geactualiseerd.
  • We hebben de deskundigheid, objectiviteit en bekwaamheid van de externe actuariële experten beoordeeld.
  • Met behulp van onze actuariële experten, beoordeelden we de belangrijkste aannames, zijnde de verdisconteringsvoeten, de inflatiecijfers en de sterfteverwachtingen die ten grondslag liggen aan de waardering van de vergoedingen na uitdiensttreding van de Groep. Dit omvatte een vergelijking van de belangrijkste aannames met externe data.
  • We hebben de accuraatheid van de onderliggende personeelsgegevens die aan de actuariële waardering ten grondslag liggen geverifieerd en de reële waarde van de pensioenactiva afgestemd met externe bevestigingen.
  • We hebben de algehele redelijkheid van de waardebepaling beoordeeld.
  • Verder hebben we de geschiktheid van de toelichtingen van de Groep met betrekking tot personeelsbeloningen beoordeeld, die zijn opgenomen onder toelichting 13 van de geconsolideerde jaarrekening.

Erkenning opbrengsten

We verwijzen naar toelichting 8 "Opbrengsten" en 50.3 "Opbrengsten" van de geconsolideerde jaarrekening.

• Omschrijving

In het boekjaar afgesloten op 31 december 2019 boekte de Groep opbrengsten voor een bedrag van 2.239 miljoen euro. We identificeerden erkenning van opbrengsten als een kernpunt van onze controle omdat opbrengsten een van de belangrijkste prestatie-indicatoren van de Groep zijn (inclusief bonusregelingen) en daarom onderhevig is aan een inherent risico van manipulatie door het management om doelstellingen of verwachtingen te behalen en omdat fouten bij de erkenning van opbrengsten een materiële invloed kunnen hebben op de winst van de Groep voor het jaar.

• Onze controlewerkzaamheden

Onze controlewerkzaamheden omvatten, onder meer:

• Evaluatie van het ontwerp, de implementatie en de werking van de belangrijkste controles (inclusief de IT-omgeving) betreffende het bestaan, de accuraatheid en timing van de omzeterkenning.

  • Beoordelen van de door de Groep aangenomen waarderingsregels inzake de erkenning van opbrengsten door bevraging bij management en inspectie van een steekproef van verkoopcontracten teneinde de contractuele componenten, de leveringsvoorwaarden en de timing van de erkenning van opbrengsten te begrijpen en te kunnen beoordelen volgens de vereisten van de geldende boekhoudstandaarden.
  • Beoordeling of opbrengsten in de juiste boekhoudperiode zijn opgenomen, door een steekproef van verkooptransacties situerend rond het einde van het jaar te vergelijken met ondersteunend bewijsmateriaal (bijvoorbeeld leveringsdocumentatie).
  • Inspecteren van handmatige aanpassingen aan de omzet, navragen aan het management over de reden voor dergelijke aanpassingen en vergelijken van de details van de aanpassingen met ondersteunend bewijsmateriaal.
  • Het testen van een steekproef van 'contractuele activa verbonden aan contracten met klanten' en 'contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten' door aansluiting ervan met ondersteunend bewijsmateriaal.

Verantwoordelijkheden van het bestuursorgaan voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening

Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor de interne beheersing die het bestuursorgaan noodzakelijk acht voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten.

Bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening is het bestuursorgaan verantwoordelijk voor het inschatten van de mogelijkheid van de Groep om zijn continuïteit te handhaven, het toelichten, indien van toepassing, van aangelegenheden die met continuïteit verband houden en het gebruiken van de continuïteitsveronderstelling, tenzij het bestuursorgaan het voornemen heeft om de Groep te liquideren of om de bedrijfsactiviteiten te beëindigen of geen realistisch alternatief heeft dan dit te doen.

Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening

Onze doelstellingen zijn het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid over de vraag of de geconsolideerde jaarrekening als geheel geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten en het uitbrengen van een commissarisverslag waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid, maar is geen garantie dat een controle die overeenkomstig de ISA's is uitgevoerd altijd een afwijking van materieel belang ontdekt wanneer die bestaat. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de economische beslissingen genomen door gebruikers op basis van deze geconsolideerde jaarrekening, beïnvloeden.

Bij de uitvoering van onze controle leven wij het wettelijk, reglementair en normatief kader dat van toepassing is op de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België na. Een wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening biedt evenwel geen zekerheid omtrent de toekomstige levensvatbaarheid van de Groep, noch omtrent de efficiëntie of de doeltreffendheid waarmee het bestuursorgaan de bedrijfsvoering van de Groep ter hand heeft genomen of zal nemen.

Als deel van een controle uitgevoerd overeenkomstig de ISA's, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel-kritische instelling gedurende de controle. We voeren tevens de volgende werkzaamheden uit:

  • Het identificeren en inschatten van de risico's dat de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten, het bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden die op deze risico's inspelen en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Het risico van het niet detecteren van een van materieel belang zijnde afwijking is groter indien die afwijking het gevolg is van fraude dan indien zij het gevolg is van fouten, omdat bij fraude sprake kan zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten om transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing;
  • Het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle, met als doel controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar die niet zijn gericht op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne beheersing van de Groep;
  • Het evalueren van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en het evalueren van de redelijkheid van de door het bestuursorgaan gemaakte schattingen en van de daarop betrekking hebbende toelichtingen;
  • Het concluderen dat de door het bestuursorgaan gehanteerde continuïteitsveronderstelling aanvaardbaar is, en het concluderen, op basis van de verkregen controle-informatie, of er een onzekerheid van materieel belang bestaat met betrekking tot gebeurtenissen of omstandigheden die significante twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de Groep om zijn continuïteit te handhaven. Indien wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij ertoe gehouden om de aandacht in ons

commissarisverslag te vestigen op de daarop betrekking hebbende toelichtingen in de geconsolideerde jaarrekening, of, indien deze toelichtingen inadequaat zijn, om ons oordeel aan te passen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van ons commissarisverslag. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat de Groep zijn continuïteit niet langer kan handhaven;

  • Het evalueren van de algehele presentatie, structuur en inhoud van de geconsolideerde jaarrekening, en van de vraag of de geconsolideerde jaarrekening de onderliggende transacties en gebeurtenissen weergeeft op een wijze die leidt tot een getrouw beeld;
  • Het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot de financiële informatie van de entiteiten of bedrijfsactiviteiten binnen de Groep gericht op het tot uitdrukking brengen van een oordeel over de geconsolideerde jaarrekening. Wij zijn verantwoordelijk voor de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de groepscontrole. Wij blijven ongedeeld verantwoordelijk voor ons oordeel.

Wij communiceren met het auditcomité onder meer over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante controlebevindingen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing die wij identificeren gedurende onze controle. Wij verschaffen aan het auditcomité tevens een verklaring dat wij de relevante deontologische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd, en wij communiceren met hen over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en, waar van toepassing, over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen. Uit de aangelegenheden die met het auditcomité zijn gecommuniceerd, bepalen wij die zaken die het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode, en die derhalve de kernpunten van onze controle uitmaken. Wij beschrijven deze aangelegenheden in ons verslag, tenzij het openbaar maken van deze aangelegenheden is verboden door wet- of regelgeving.

Overige door wet- en regelgeving gestelde eisen

Verantwoordelijkheden van het bestuursorgaan

Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport.

Verantwoordelijkheden van de commissaris

In het kader van ons mandaat en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden (ISA's), is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, de andere informatie opgenomen in het jaarrapport, te verifiëren, alsook verslag over deze aangelegenheden uit te brengen.

Aspecten betreffende het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en andere informatie opgenomen in het jaarrapport

Na het uitvoeren van specifieke werkzaamheden op het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij van oordeel dat dit jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening overeenstemt met de geconsolideerde jaarrekening voor hetzelfde boekjaar en is opgesteld overeenkomstig het artikel 3:32 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.

In de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening zijn wij tevens verantwoordelijk voor het overwegen, in het bijzonder op basis van de kennis verkregen in de controle, of het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport, zijnde:

• Hoofdstuk 1 Brief aan de aandeelhouders en Kerncijfers 2019

een afwijking van materieel belang bevatten, hetzij informatie die onjuist vermeld is of anderszins misleidend is. In het licht van de werkzaamheden die wij hebben uitgevoerd, hebben wij geen afwijking van materieel belang te melden.

De niet-financiële informatie zoals vereist op grond van artikel 3:32 §2 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen, werd opgenomen in het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, dat deel uitmaakt van sectie "Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen" van het jaarrapport. De Vennootschap heeft zich bij het opstellen van deze niet-financiële informatie gebaseerd op de Global Reporting Initiative (GRI) -standaarden. Overeenkomstig 3:80 §1, eerste lid, 5° van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen spreken wij ons evenwel niet uit over de vraag of deze niet-financiële informatie is opgesteld in overeenstemming met de vermelde GRI-standaarden.

Vermeldingen betreffende de onafhankelijkheid

  • Ons bedrijfsrevisorenkantoor en ons netwerk hebben geen opdrachten die onverenigbaar zijn met de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening verricht en ons bedrijfsrevisorenkantoor is in de loop van ons mandaat onafhankelijk gebleven tegenover de Groep.
  • De honoraria voor de bijkomende opdrachten die verenigbaar zijn met de wettelijke controle bedoeld in artikel 3:65 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen werden correct vermeld en uitgesplitst in de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening.

Andere vermelding

• Huidig verslag is consistent met onze aanvullende verklaring aan het auditcomité bedoeld in artikel 11 van de verordening (EU) nr. 537/2014.

Berchem, 10 april 2020

KPMG Bedrijfsrevisoren Commissaris vertegenwoordigd door

H. Van Donink Bedrijfsrevisor

Statutaire jaarrekening

De volgende bladzijden zijn uittreksels van de statutaire jaarrekening van Agfa-Gevaert NV, opgesteld overeenkomstig de Belgische boekhoudkundige regels. Het verslag van de Raad van Bestuur aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders en de jaarrekening van Agfa-Gevaert NV zullen samen met het verslag van de commissarisrevisor gedeponeerd worden bij de Nationale Bank van België binnen de statutair bepaalde termijn. Deze documenten zijn op aanvraag verkrijgbaar bij de afdeling Investor Relations van de Vennootschap en beschikbaar op www.agfa.com/investorrelations.

Alleen de geconsolideerde jaarrekening vervat in de voorafgaande bladzijden geeft een correct en betrouwbaar beeld van de financiële situatie en de prestaties van de Agfa-Gevaert Groep. Het statutair verslag van de commissaris-revisor bevat geen bemerkingen en verklaart dat de niet-geconsolideerde jaarrekening van Agfa-Gevaert NV over het jaar, dat eindigde op 31 december 2019, een correct en betrouwbaar beeld geeft van de financiële situatie en de resultaten van de Vennootschap, en dit in overeenstemming met alle wettelijke en statutaire bepalingen.

RESULTATENREKENING

MILJOEN EURO 2018 2019
I. Bedrijfsopbrengsten
A. Omzet 432 428
B. Voorraad goederen in bewerking en gereed product en
bestellingen in uitvoering (toename +, afname -)
(3) (1)
C. Geproduceerde vaste activa 28 19
D. Andere bedrijfsopbrengsten 99 91
E. Niet-recurrente bedrijfsopbrengsten 0 0
TOTALE BEDRIJFSOPBRENGSTEN 556 537
II. Bedrijfskosten
A. Handelsgoederen, grond- en hulpstoffen
1. Aankopen 215 198
2. Voorraad (toename -, afname +) (1) 2
B. Diensten en diverse goederen 97 84
C. Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen 207 203
D. Afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten
op immateriële en materiële vaste activa
33 30
E. Waardeverminderingen op voorraden, op bestellingen in uitvoering
en op handelsvorderingen (toevoegingen +, terugnemingen -)
(1) 2
F. Voorzieningen voor risico's en kosten
(toevoegingen +, bestedingen en terugnemingen -)
(3) (7)
G. Andere bedrijfskosten 11 18
H. Niet-recurrente bedrijfskosten 0 3
TOTALE BEDRIJFSKOSTEN 558 533
III. Bedrijfswinst/verlies (2) 4
IV. Financiële opbrengsten 88 93
V. Financiële kosten (213) (505)
VI. Winst/verlies van het boekjaar vóór belasting (127) (408)
VII. Overboeking aan de uitgestelde belastingen 0 0
VIII. Belastingen op het resultaat 0 1
IX. Winst/verlies van het boekjaar (127) (407)
X. Onttrekking aan de belastingvrije reserves 0 0
XI. Te bestemmen winst/verlies van het boekjaar (127) (407)
Resultaatverwerking
A. Te bestemmen winstsaldo 182 (226)
1. Te bestemmen winst/verlies van het boekjaar (127) (407)
2. Overgedragen winst van het vorig boekjaar 309 181
B. Onttrekking aan het eigen vermogen 0 0
C. Toevoeging aan het eigen vermogen 0 0
D. Over te dragen winst (verlies) 182 (226)
F. Uit te keren winst 0 0

BALANS

MILJOEN EURO 31 december 2018 31 december 2019
Activa
I. Oprichtingskosten 1 1
II. Immateriële vaste activa 19 21
III. Materiële vaste activa 29 28
IV. Financiële vaste activa 2.824 2.775
V. Vorderingen op meer dan één jaar 5 5
VI. Voorraden en bestellingen in uitvoering 108 104
VII. Vorderingen op ten hoogste 1 jaar 289 262
VIII. Geldbeleggingen 14 19
IX. Liquide middelen 7 2
X. Overlopende rekeningen 3 4
3.299 3.221
Passiva
I. Kapitaal 187 187
II. Uitgiftepremies 211 211
IV. Reserves 416 416
V. Overgedragen winst 182 (226)
VI. Kapitaalsubsidies 1 1
997 589
VII. Voorzieningen en uitgestelde belastingen 27 20
VIII. Schulden op meer dan 1 jaar 220 150
IX. Schulden op ten hoogste 1 jaar 2.052 2.461
X. Overlopende rekeningen 3 1
3.299 3.221

Corporate Governance Verklaring

De Vennootschap heeft beslist om met ingang van het boekjaar 2020 over te schakelen van de Belgische Corporate Governance Code 2009 als referentiecode naar de Belgische Corporate Governance Code 2020. Deze Code kan worden geraadpleegd op de website www.corporategovernancecommittee.be. In het boekjaar 2020 zullen ook de statuten van de Vennootschap in overeenstemming worden gebracht met het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (Wet van 23 maart 2019) dat werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 4 april 2019.

De Raad van Bestuur heeft op 21 januari 2020 het Corporate Governance Charter van de vennootschap herzien, met het oog op de aanpassing van dit Charter aan de bepalingen van de Belgische Corporate Code 2020. Bij deze herziening werd ook de keuze voor de monistische bestuursstructuur geëvalueerd.

Tenzij anders aangegeven in de relevante secties van deze verklaring pastte de Vennootschap gedurende het boekjaar 2019 de Belgische Corporate Governance Code 2009 volledig toe. Het volledige Corporate Governance Charter van de Vennootschap is gepubliceerd op de website: www.agfa.com/investorrelations.

Deze Corporate Governance Verklaring is tevens in overeenstemming met de Corporate Governance Wet van 6 april 2010, zoals gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 23 april 2010. Deze Corporate Governance Wet kan worden geraadpleegd op de website van het Belgisch Staatsblad: www.staatsblad.be.

Het Remuneratieverslag maakt deel uit van deze Corporate Governance Verklaring. De bestuursstructuur van de Vennootschap is opgebouwd rond de Raad van Bestuur, de Chief Executive Officer (CEO) en het Executive Committee (Exco). De Raad van Bestuur wordt bijgestaan door een Benoemings- en Remuneratiecomité en een Auditcomité.

Raad van Bestuur

De Raad van Bestuur is als hoogste bestuursorgaan bevoegd om alle handelingen te verrichten die noodzakelijk of nuttig zijn voor de verwezenlijking van het maatschappelijk doel, met uitzondering van die waarvoor volgens de wet alleen de Algemene Aandeelhoudersvergadering bevoegd is (onder meer de wijziging van de statuten, kapitaalverhoging buiten toegestaan kapitaal, kapitaalvermindering). De bevoegdheden en de werking van de Raad van Bestuur worden in extenso beschreven in het Corporate Governance Charter. De statuten bepalen dat de Raad van Bestuur vergadert wanneer het belang van de Vennootschap dit vereist of wanneer twee bestuurders hierom verzoeken.

In 2019 vonden er acht effectieve vergaderingen plaats, evenals enkele korte besprekingen per 'conference call'.

De Raad van Bestuur vergaderde en besliste tijdens 2019 onder meer over: het bepalen van de bedrijfsstrategie en van de belangrijkste beleidslijnen, het transformatieproces van de Agfa-Gevaert Group, de opvolging van de Voorzitter en de CEO, de vooruitzichten voor 2020 en de actieplannen voor de volgende jaren, de aanbevelingen gedaan door de verschillende Comités van de Raad van Bestuur, het risicomanagement, de goedkeuring van budgetten, kostenbeheersingscenario's, de evolutie van belangrijke juridische geschillen en de goedkeuring van de jaarrekeningen.

Bestuurders die mogelijkerwijs een belangenconflict hebben met betrekking tot een agendapunt moeten dit voor iedere beraadslaging melden en moeten zich onthouden van beraadslaging en stemming over dat onderwerp. Meer in het bijzonder mogen bestuurders zich niet in conflictsituaties plaatsen zoals beschreven in het Corporate Governance Charter van de Vennootschap. Wanneer een dergelijke situatie zich tegen hun wil in alsnog voordoet, dan moeten zij dit bekendmaken voor enige beraadslaging met betrekking tot het bewuste agendapunt plaatsvindt en zich onthouden van beraadslaging en stemming hierover.

Er werd in 2019 één geval van belangenconflict in de zin van artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen tussen Agfa-Gevaert NV en een bestuurder aangehaald: in een vergadering van de Raad van Bestuur gehouden op 13 mei 2019 werd, in toepassing van artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen, het volgende genotuleerd in verband met het "Project Aceso – bijzondere bonus plan": (vrije vertaling uit het Engels) de CEO verklaart dat hij, als mogelijke begunstigde, een belangenconflict heeft met het plan zoals dat aan de Raad van Bestuur ter beslissing wordt voorgelegd. Hij voegde hier aan toe dat hij bijgevolg, en overeenkomstig artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen, niet zou deelnemen aan de bespreking of de stemming. De Raad van Bestuur erkende dat de financiële impact voor de vennootschap van de bijzondere bonus volledig afhankelijk zou zijn van de waarde die gecreëerd zou worden door de Transactie.

Vanaf een zekere minimum-waarde voor de transactie zou de CEO recht hebben op een extra bonus die overeenkomt met 37,5% van zijn totale tewerkstellingskost. Indien Project Aceso de waarde creëert die de Raad van Bestuur als doel gesteld heeft, zou de CEO recht hebben op een extra bonus die overeenkomt met 100% van zijn totale tewerkstellingskost. En indien de Transactie de waarde creëert die de Raad van Bestuur als maximaal te verwachten waarde in overweging nam, zou de CEO recht hebben op een extra bonus die overeenkomt met 262,5% van zijn totale tewerkstellingskost. Na deze bespreking en met eenparigheid van stemmen besloot de Raad van Bestuur het "Project Aceso – bijzonder bonus plan", goed te keuren.

Samenstelling van de Raad van Bestuur

De statuten bepalen dat de Raad van Bestuur samengesteld is uit ten minste zes leden, al dan niet aandeelhouders, die benoemd worden voor een hernieuwbare termijn van maximum vier jaar. De meerderheid van de leden zijn niet-uitvoerende bestuurders en minstens drie van hen zijn onafhankelijk.

Aan de mandaten van Julien De Wilde, Viviane Reading, Hilde Laga en Klaus Röhrig als bestuurders van de Vennootschap was een einde gekomen onmiddellijk na de jaarvergadering van 14 mei 2019. Enkel Hilde Laga en Klaus Röhrig stelden zich herkiesbaar. Om er voor te zorgen dat er op het niveau van de Raad van Bestuur een voldoende aantal onafhankelijke bestuurders aanwezig zou zijn, werd aan de aandeelhouders voorgesteld om Helen Routh en Vantage Consulting BVBA, met als vaste vertegenwoordiger de heer Frank Aranzana, te benoemen tot onafhankelijk bestuurder voor een periode van vier (4) jaar. Derhalve bestaat de Raad van Bestuur op heden uit de hiernavolgende zeven leden:

  • Klaus Röhrig, Voorzitter, lid sinds 2018, Bestuurder van vennootschappen,
  • Mercodi BVBA, met als vaste vertegenwoordiger Jo Cornu, lid sinds 2002, Bestuurder van vennootschappen,
  • MRP Consulting BVBA (1), met als vaste vertegenwoordiger Mark Pensaert, lid sinds 2018, Bestuurder van Vennootschappen,
  • Hilde Laga (1), lid sinds 2015, Bestuurder van vennootschappen,
  • Helen Routh (1), lid sinds 2019, Bestuurder van vennootschappen,
  • CRBA Management BVBA, met als vaste vertegenwoordiger Christian Reinaudo, CEO, lid sinds 2010, Bestuurder van vennootschappen,
  • Vantage Consulting BVBA (1), met als vaste vertegenwoordiger Frank Aranzana, lid sinds 2019, Bestuurder van vennootschappen.

(1) Onafhankelijk bestuurder in de zin van artikel 526ter van het Wetboek van Vennootschappen.

Aan geen enkel bestuurdersmandaat zal een einde komen onmiddellijk na de jaarvergadering. Tevens zal aan de aandeelhouders tijdens de jaarvergadering worden voorgesteld om PJY Management BV met als vaste vertegenwoordiger de heer Pascal Juéry te benoemen tot uitvoerend bestuurder voor een periode van vier (4) jaar. De Raad van Bestuur is ervan overtuigd dat deze kandidaat de juiste competenties en kwaliteiten heeft om een waardevol lid van de Raad te worden, zoals blijkt uit onderstaand CV.

Pascal Juéry (°1965 - Fransman)

Pascal Juéry is 54 jaar en is afkomstig van Parijs, Frankrijk. Hij studeerde er af aan de ESCP Business School. Hij heeft meer dan 30 jaar ervaring in de chemische en geavanceerde materialenindustrie. Pascal Juéry begon zijn carrière in financiën en al snel demonstreerde hij zijn vermogen om verscheidene wereldwijde activiteiten te leiden en om functionele sleutelposities te bekleden. De voorbije tien jaar was hij lid van de uitvoerende comités van eerst Rhodia en daarna Solvay. Bij Solvay speelde hij een actieve rol in de transformatie van de portfolio en de activiteiten van de groep.

CV's van de leden van de Raad van Bestuur

Klaus Röhrig (°1977 - Oostenrijker) behaalde een Master in Economie en Bedrijfskunde aan de Vienna University of Economics and Business Administration. In 2000 startte Klaus Röhrig zijn carrière bij Credit Suisse First Boston in Londen waar hij zich vooral toelegde op bedrijfsfinanciering en M&A voor technologiebedrijven. In 2006 trad hij in dienst bij Elliott Associates, waar hij verantwoordelijk was voor de investeringsfondsen in de Duitstalige landen, evenals voor geselecteerde beleggingen in schulden, aandelen en overheden. In 2015 richtte Klaus Röhrig Active Ownership Group op, een Luxemburgse investeringsgroep. Hij is voorzitter van de Raad van Toezicht van het beursgenoteerde Francotyp-Postalia Holding AG en niet-uitvoerende voorzitter van het beursgenoteerde exceet Groep SE. Tijdens zijn hele loopbaan richtte hij zich op het identificeren van investeringsmogelijkheden, het structureren van investeringen en procesgestuurde waardecreatie.

Klaus Röhrig (AOC) trad toe tot de Raad van Bestuur als niet-uitvoerend bestuurder in november 2018. Hij werd Voorzitter van de Raad van Bestuur in mei 2019.

Frank Aranzana (°1958 - Fransman) behaalde een Bachelor in Economics and Political Sciences aan de IEP Parijs, een Bachelor in de Rechten aan de Universiteit van Nice en behaalde later een Master in Management aan de ESSEC Parijs. Hij begon zijn carrière in 1986 bij Dow Chemical, waar hij werkte in de verkoop, marketing en business management. In 1996 werd hij Business Director bij DuPont Dow Elastomers en in 1999 werd hij bij UCB Bestuurder van de Radcure business unit en daarna van de Specialty Chemicals, die in 2005 werden verkocht aan Cytec industries. Hij werd Vice President van Cytec Surface Specialties en in 2008 werd hij President van Cytec Specialty Chemicals, lid van Cytec's Executive Leadership team en Officer van Cytec Industries Inc. In 2013 werd hij CEO van Allnex, de toonaangevende producent van coatingharsen die overgenomen werd door Advent International Private Equity en in 2016 werd hij een Operating partner, zetelend in Allnex's Advisory Committee.

Frank Aranzana trad toe tot de Raad van Bestuur in mei 2019.

Jo Cornu (°1944 - Belg) studeerde af als burgerlijk ingenieur elektro-techniek en werktuigkunde aan de Katholieke Universiteit Leuven (België) en hij behaalde een PhD diploma elektronica aan de Carlton University in Ottawa (Canada). Jo Cornu was CEO van Mietec van 1982 tot 1984 en daarna General Manager van Bell Telephone tot 1987. Van 1988 tot 1995 was hij lid van het Directiecomité van Alcatel NV en van 1995 tot 1999 COO van Alcatel Telecom. Daarna werd hij adviseur van de Voorzitter van de Raad van Bestuur van Alcatel. Van 2005 tot 2007 was Jo Cornu voorzitter van de ISTAG groep (Information Society Technologies Advisory Group) van de Europese Commissie. Van begin maart 2007 tot einde januari 2008 was hij voorzitter van Medea+, de Eureka Cluster voor Microelektronica Research in Europa. Van december 2012 tot november 2013 was hij Voorzitter van de Raad van Bestuur van Electrawinds SE. Hij was CEO van de NMBS van november 2013 tot maart 2017 .

Jo Cornu trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2002. Eind november 2007 werd Jo Cornu tot CEO van Agfa-Gevaert benoemd. Hij legde zijn mandaat van CEO neer met ingang van 1 mei 2010.

Hilde Laga (°1956 - Belgische) wordt algemeen erkend als een Belgische autoriteit inzake adviesverlening op het vlak van vennootschapsrecht. Tot 2014 combineerde zij haar werk als advocaat met een erg gewaardeerde academische carrière. Nadat ze een doctoraat behaalde in de rechten aan de KU Leuven (België), richtte zij het advocatenkantoor Laga (thans Deloitte Legal Lawyers) op, dat zij leidde als managing partner en als hoofd van de corporate M&A-praktijk tot in 2013. Het kantoor bestaat uit ongeveer 150 advocaten. Als professor aan de universiteit van Leuven, doceerde Hilde Laga vennootschapsrecht. Over dit onderwerp heeft zij talrijke nationale en internationale publicaties op haar naam. Zij is thans verbonden als bijzonder gasthoogleraar. Hilde Laga is lid van de Belgische Corporate Governance Commissie en ze was verscheidene jaren lid van de Raad van Toezicht van de FSMA (vroeger CBFA).

Hilde Laga trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2015.

Huidige mandaten

  • Voorzitter van de Raad van Bestuur van GIMV NV.
  • Lid van de Raad van Bestuur van Barco NV, Greenyard Foods NV, K.U. Leuven en haar universitair ziekenhuis.

Mark Pensaert (°1964 - Belg) studeerde af als Licenciaat Rechtsgeleerdheid aan de UGent (België) en behaalde daarna een Master of Law aan het St. Catharine's College van de Cambridge University. Hij startte zijn loopbaan in 1988 in Londen bij Lazard Brothers & Co, één van de vooraanstaande onafhankelijke global investment banks met hoofdkantoren in New York, Parijs en Londen. Tussen 1992 en 1996 was hij financieel directeur bij Interbuild NV en Rombouts NV. In 1996 werd hij CFO van Carestel NV (thans deel van de Autogrill Group). Tussen 2000 en 2004 keerde hij terug naar de internationale M&A business door opnieuw aan de slag te gaan bij Lazard Frères in Parijs met als doel het helpen oprichten van een M&A platform voor Lazard in de BeNeLux. In 2004 werd hij Partner en startte hij het Amsterdams kantoor dat de hele BeNeLux overzag. In 2008 kwam hij als CEO bij Leonardo & Co, een spin-off van Lazard, om er een netwerk uit te bouwen op het Europese vasteland en in 2015 werd hij Voorzitter van de investment banking divisie van Alantra Partners, een global investment banking en asset management group met beursnotering in Madrid.

Mark Pensaert trad toe tot de Raad van Bestuur in 2018.

Christian Reinaudo (°1954 - Fransman) studeerde af aan de 'Ecole de Physique et de Chimie Industrielles de Paris' en heeft een doctoraat van de Universiteit van Parijs (Frankrijk). Hij startte zijn loopbaan bij Alcatel (toen nog 'Compagnie Générale d'Electricité') in 1978 in het Onderzoeks- en Ontwikkelingscentrum van Marcoussis (Frankrijk). Tijdens zijn periode bij Alcatel leidde hij activiteiten met een omzet van verschillende miljarden euro en internationale verkoop- en serviceorganisaties. Van 1984 tot 1996 bekleedde hij verschillende functies binnen de 'Cable'-Groep van Alcatel (nu Nexans), van onderzoek en ontwikkeling tot productie, aankoop, verkoopondersteuning en diensten. Begin 1997 werd hij President van de Submarine Networks Divisie. Nadat hij in 1999 tot President van de hele Optics Groep werd benoemd, trad hij begin 2000 toe tot het Directiecomité van Alcatel als Executive Vice-President. In 2003 werd hij benoemd tot President van Alcatel Asia Pacific en verhuisde hij naar Shanghai (China), waar hij verbleef tot 2006. In die periode was hij ook de Ondervoorzitter van de Raad van Bestuur van Alcatel Shanghai Bell, de Chinese joint venture tussen Alcatel en de Chinese overheid. Na zijn terugkeer naar Parijs in 2006 werd hij verantwoordelijk voor het management van het integratie- en transitieproces als gevolg van de fusie van Alcatel en Lucent Technologies. Hij ging ook deel uitmaken van de Raad van Bestuur van Draka Comteq (Nederland). In 2007 werd hij benoemd tot President van Alcatel-Lucent Noord- en Oost-Europa en trad hij toe tot de Raad van Bestuur van Alcatel-Lucent (België). Begin 2008 stapte Christian Reinaudo over naar Agfa-Gevaert, waar hij President van Agfa HealthCare werd.

Christian Reinaudo trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2010. Van 1 mei 2010 tot 1 februari 2020 was hij tevens CEO van Agfa-Gevaert.

Huidige mandaten

  • Bestuurder van Domo Chemicals GmbH (sedert 18 oktober 2016).
  • Voorzitter Biocartis Group NV (sedert 11 mei 2018).

Helen Routh (°1962 - Brits/Amerikaans) is een wereldwijde healthcare executive die zich vooral bezighoudt met het oplossen van complexe problemen die zich situeren op het snijvlak van innovatie en zakelijkheid. Ze behaalde een doctoraat in de fysica, met specialisatie in medische echografie, aan het University College Cardiff (VK). Tot 2017 had ze bij Philips diverse zakelijke en functionele rollen in de healthcaretak, met vooral focus op producten, software en services. Zij was de General Manager van Philips Research in Noord-Amerika en General Manager van Philips Clinical Informatics business wereldwijd. Als Senior VP Strategy en Innovation leidde zij de ontwikkeling van de Innovation Strategie bij Royal Philips en was hoofd van het Integrated Solutions-team. Helen Routh is momenteel voorzitter van de raad van bestuur van Ultromics, een resultaatgericht AI bedrijf afgesplitst van de Universiteit van Oxford en ze is tevens niet-uitvoerend bestuurder van Health Innovation Manchester dat gezondheid en welzijn wil hervormen in Greater Manchester (VK) door de industrie te verbinden met ziekenhuizen, universiteiten en onderzoekscentra. Zij is een veel gevraagde keynote-speaker en is panellid voor zowel technische als zakelijke onderwerpen. Momenteel maakt ze deel uit van het International Scientific Committee van het ESPCI in Parijs.

Helen Routh trad toe tot de Raad van Bestuur in mei 2019.

Huidige mandaten

  • Voorzitter raad van bestuur van Ultromics.
  • Niet-uitvoerend bestuurder van Health Innovation Manchester.

Comités opgericht door de Raad van Bestuur

Auditcomité (AC)

Het Auditcomité vervult de taken zoals omschreven in artikel 526bis §4 van het Wetboek van Vennootschappen en staat de Raad van Bestuur bij in het uitoefenen van zijn opdracht van controle in de ruimste betekenis van het woord. Zijn bevoegdheden en werking worden in extenso beschreven in hoofdstuk 5.1 van het Corporate Governance Charter.

Het Auditcomité bestaat sinds 14 mei 2019 uit drie niet-uitvoerende bestuurders: de heer M. Pensaert, Voorzitter, de heer K. Röhrig en mevrouw H. Routh. Twee ervan zijn onafhankelijke bestuurders. Al deze leden voldoen aan de vereisten van artikel 526bis §2 van het Wetboek van Vennootschappen inzake deskundigheid op het gebied van boekhouding en audit.

Het Comité had vijf zittingen in 2019. Onder meer de volgende agendapunten werden behandeld: het nazicht van de jaarrekeningen van 2018, de kwartaalresultaten van 2019, de rapporten van de interne auditafdeling, de opvolging van belangrijke juridische zaken zoals het AgfaPhoto-dossier, Information Security en de evaluatie van het risicomanagement in de Groep.

Benoemings- en Remuneratiecomité (BRC)

Het Benoemings- en Remuneratiecomité werd door de Raad van Bestuur belast met verantwoordelijkheden inzake de voordracht voor benoeming, herbenoeming en ontslag van Bestuurders en leden van het Executive Management, het remuneratiebeleid en de individuele remuneratie van Bestuurders en leden van het Executive Management. De taken en werking van het Benoemings- en Remuneratiecomité worden in extenso beschreven in hoofdstuk 5.2 van het Corporate Governance Charter. Het Benoemings- en Remuneratiecomité bestaat uitsluitend uit niet-uitvoerende bestuurders.

Het Comité bestaat sinds 14 mei 2019 uit drie niet-uitvoerende bestuurders: de heer J. Cornu, Voorzitter, mevrouw H. Laga en de heer F. Aranzana. Twee ervan zijn onafhankelijke bestuurders.

Het Comité had acht zittingen in 2019 en onder meer de volgende agendapunten werden behandeld: de samenstelling van de Raad van Bestuur en de Comités, de opvolging van de CEO, het remuneratiebeleid, de prestaties en de remuneratie van het Executive Management en Senior Executives, de pensioenverplichtingen en de opstelling van het Remuneratieverslag.

Aanwezigheid op de vergaderingen van de Raad van Bestuur en de Comités

Raad van Bestuur AC NRC
Dhr. Julien De Wilde (1) 2/3 1/2
Dhr. Christian Reinaudo 8/8
Mevr. Helen Routh (6) 5/5 3/3 1/2
Dhr. Jo Cornu 8/8 8/8
Dhr. Frank Aranzana (5) 5/5 4/4
Mevr. Hilde Laga (4) 7/8 2/2 8/8
Mevr. Viviane Reding (2) 3/3 2/4
Dhr. Mark Pensaert 8/8 5/5
Dhr. Klaus Röhrig (3) 8/8 3/3

(1) Bestuurder en lid AC tot 14 mei 2019 (2) Bestuurder en lid BRC tot 14 mei 2019 (3) Lid AC vanaf 14 mei 2019 (4) Lid AC tot 14 mei 2019

(5) Bestuurder en lid BRC vanaf 14 mei 2019 (6) Bestuurder en lid AC vanaf 14 mei 2019

228

Management van de Vennootschap

CEO en Executive Committee (Exco)

Het uitvoerend management van de Vennootschap werd toevertrouwd aan een gedelegeerd bestuurder/CEO die wordt bijgestaan door een Exco. Samen vormen zij het Executive Management.

De CEO is belast met de uitvoering van het ondernemingsbeleid en de strategie bepaald door de Raad van Bestuur. Hij ontving bijgevolg de meest uitgebreide bevoegdheden inzake dagelijks bestuur en een aantal specifieke bijzondere volmachten. Deze bevoegdheden zijn in extenso opgenomen in het Corporate Governance Charter.

De CEO brengt regelmatig verslag uit over zijn werkzaamheden en over de evolutie van de dochtervennootschappen en van de deelnemingen, om de Raad van Bestuur de mogelijkheid te geven hierop controle uit te oefenen.

CRBA Management BVBA, met als vaste vertegenwoordiger de heer Christian Reinaudo, heeft op de vergadering van de Raad van Bestuur van 8 januari 2020 meegedeeld dat hij zijn mandaat als CEO van de Vennootschap wenst neer te leggen met ingang van 1 februari 2020.

De Raad van Bestuur besliste om PJY Management BV met als vaste vertegenwoordiger de heer Pascal Juéry aan te duiden als zijn opvolger.

Sinds 9 mei 2018 is het Exco samengesteld als volgt:

  • Dhr. Dirk De Man, Chief Financial Officer,
  • Dhr. Stefaan Vanhooren, President Offset Solutions,
  • Dhr. Luc Delagaye, President Digital Print & Chemicals en Radiology Solutions,
  • Dhr. Luc Thijs, President Agfa HealthCare.

Interne controle- en risicobeheerssystemen met betrekking tot financiële rapportering

Agfa's Executive Management is verantwoordelijk voor de interne controle- en risicobeheerssystemen van de Groep, inclusief die met betrekking tot financiële rapportering, zoals goedgekeurd door de Raad van Bestuur. De interne controle op de financiële rapportering behelst de beoordeling van de relevante risico's en de identificatie van en het toezicht op kerncontroles en acties die genomen worden ter correctie van gebreken wanneer die geïdentificeerd worden. Het Auditcomité beoordeelt de effectiviteit van de systemen voor interne controle en risicobeheer.

Controleomgeving

Agfa's controleomgeving bestond in 2019 uit centrale finance-functies zoals consolidatie en rapportering, belastingen, treasury en investor relations enerzijds en uit finance-functies op het niveau van de vier divisies anderzijds.

Alle finance-functies rapporteren (on)rechtstreeks aan de Chief Financial Officer. Alle Groepsentiteiten volgen de uniforme centrale boekhoudkundige regels en rapporteringsvereisten die zijn beschreven in Agfa's 'Group Consolidation Accounting Manual'.

Risicobeheer

Gebaseerd op beoordelingsvergaderingen met de centrale functies en met het management van de businessgroepen, had het Executive Management in 2019 een proces in gebruik om op regelmatige basis de risico's, inclusief de risico's m.b.t. het financiële rapporteringsproces, te identificeren, beoordelen en op te volgen. Het rapporteert aan het Auditcomité over deze risico's. Deze risico's worden geëvalueerd door het Auditcomité, dat verdere acties kan definiëren voor het Executive Management.

Controleactiviteiten

Elke businessgroep was in 2019 verantwoordelijk voor het controleren van de financiële prestaties en verwachtingen. Elke businessgroep rapporteerde aan het Executive Management. Het consolidatieproces, gebaseerd op meer uitgebreide rapportering, werd elk kwartaal uitgevoerd. Het wordt beoordeeld door het Executive Management en het Auditcomité, die acties kunnen definiëren voor de businessgroepen en de centrale functies.

Informatie en communicatie

Alle entiteiten gebruiken uniforme centrale rapporteringstools en rapporteren in overeenstemming met de instructies en de rapporteringsrichtlijnen opgesteld door de centrale rapporteringsafdeling. Financiële informatie (inclusief 'key performance indicators') werd op een consistente basis voorbereid voor elke businessgroep en op het geconsolideerde niveau. Ze werd gecontroleerd door de aangewezen verantwoordelijke. Het Executive Management rapporteert regelmatig aan het Auditcomité over alle 'key risk factors'.

Toezicht

Een van de verantwoordelijkheden van de financiële afdelingen is de verbetering van de procedures die gebruikt worden voor de voorbereiding en verwerking van financiële informatie. Er worden regelmatig controles uitgevoerd op de belangrijkste controleprocedures in de voorbereiding van financiële informatie in de dochterondernemingen en op Groepsniveau om te verzekeren dat de instructies en richtlijnen over financiële rapportering correct worden toegepast. Interne Audit ziet toe op de controle van interne beleidslijnen, richtlijnen en controles m.b.t. financiële rapportering en operationele aspecten, zoals verkoop, productie en O&O. Interne Audit rapporteert aan het Auditcomité, dat toeziet op de doeltreffendheid.

De Secretaris van de Vennootschap werd benoemd tot compliance officer om de naleving te controleren van de beleidslijnen van de Vennootschap inzake de voorkoming van handel met voorwetenschap en marktmanipulatie door de Bestuurders en andere welbepaalde personen.

Beschrijving van de risicofactoren

Risico's in verband met markt, technologie en concurrentie

Zoals elke onderneming wordt Agfa voortdurend geconfronteerd met markt- en concurrentierisico's. In al zijn activiteiten wordt Agfa geconfronteerd met snelle veranderingen in de technologie. De Offset business wordt ook gekenmerkt door uitdagende marktomstandigheden en prijserosie. Agfa introduceert veel nieuwe technologieën, zoals industriële inkjet, directe radiografie en IT-systemen voor de gezondheidszorgmarkt. De markt voor IT-systemen in de gezondheidszorg is zeer competitief en onderhevig aan snelle veranderingen.

Grondstofkosten

Agfa doet een beroep op andere ondernemingen voor de levering van bepaalde basisgrondstoffen. De belangrijkste grondstoffen zijn aluminium en zilver. Wijzigingen in de grondstofprijzen en het niet tijdig ontvangen van de nodige grondstoffen zouden Agfa's bedrijfsvoering, bedrijfsresultaten en financiële toestand negatief kunnen beïnvloeden. Voorts kan Agfa ervoor opteren om een deel of het geheel van zijn afhankelijkheid van de grondstofprijzen in te dekken, wanneer het dit opportuun acht.

Productaansprakelijkheid

De activiteiten van de Groep kunnen Agfa blootstellen aan vorderingen voor productaansprakelijkheid. Vooral op het vlak van de HealthCare-activiteiten volgt Agfa verscheidene regulatorische systemen in verschillende landen. Om het risico van vorderingen in verband met productaansprakelijkheid te beperken, heeft Agfa een strikt beleid op het vlak van kwaliteit en kwaliteitscontrole ingevoerd en heeft het een algemene verzekeringspolis afgesloten. Agfa heeft nooit aanzienlijke verliezen geleden met betrekking tot vorderingen op het vlak van productaansprakelijkheid, maar er kan geen zekerheid bestaan dat dit in de toekomst nooit zal voorvallen.

Milieu

Agfa is onderworpen aan verscheidene milieuvereisten in de verschillende landen waarin het actief is, inclusief de vereisten in verband met luchtverontreiniging, lozing van afvalwater, beheer van gevaarlijke stoffen, het voorkomen van het lekken van stoffen en sanering. Agfa doet aanzienlijke bedrijfs- en kapitaaluitgaven om de toepasselijke normen te respecteren. Huidige en redelijkerwijze te voorziene kosten voor het naleven van wettelijke voorschriften en voor sanering zijn gedekt.

Intellectuele eigendom

Agfa bezit, heeft aanvragen in behandeling voor en heeft licenties voor tal van patenten die betrekking hebben op een veelheid van producten en softwaresystemen. De Vennootschap vertrouwt op een combinatie van octrooi-, auteurs- en merkenrecht en de wetten op handelsmerken en geheimen, vertrouwelijkheidsprocedures, handelsgeheimen, contractuele bepalingen en licentieregelingen om de eigendomsrechten vast te leggen en te beschermen.

Anderzijds voert de Groep een beleid dat erop gericht is de intellectuele eigendomsrechten van derden strikt te respecteren. Hoewel Agfa er zich niet van bewust is dat er producten de intellectuele eigendomsrechten van anderen schenden, is het niet uitgesloten dat derden in de toekomst zulke inbreuken claimen.

Geschillen

Agfa is momenteel niet betrokken in enig belangrijk geschil, met uitzondering van de geschillen in verband met de insolventie van AgfaPhoto. Deze geschillen worden in detail behandeld in toelichting 45.2 p. 186 bij de geconsolideerde jaarrekening.

Varia

Verder zijn er risico's die een negatieve invloed op de Vennootschap en haar activiteiten kunnen hebben en waarmee dus rekening moet worden gehouden. Voorbeelden hiervan zijn onder meer risico's in verband met de continuïteit van de productie, verlies van management en personeel op sleutelposities, buitengewone waardevermindering van activa, pensioenverplichtingen, veranderingen in wisselkoersen en acquisities.

Evaluatie van de Raad van Bestuur en zijn Comités

De voornaamste elementen en kenmerken van het evaluatieproces voor de Raad van Bestuur en de Comités betreffen de beoordeling van de wijze waarop de Raad van Bestuur en de Comités werken, het nagaan of belangrijke onderwerpen grondig worden voorbereid en besproken, de beoordeling van de werkelijke bijdrage van elke bestuurder en zijn betrokkenheid bij de bespreking en besluitvorming. Het volledige evaluatieproces wordt in extenso uiteengezet in de hoofdstukken 3, 4 en 5 van het eerder vermelde Corporate Governance Charter.

De laatste formele evaluatie vond plaats in 2016, waarbij er op initiatief van de Voorzitter van de Raad van Bestuur en in samenwerking met de Voorzitter van het Benoemings- en Remuneratiecomité een intern evaluatieproces werd opgestart. Hierbij werden er contacten gelegd met de leden van de Raad van Bestuur en van het Executive Management om enerzijds de werking van de Raad en het Executive Management (zowel als college als individueel) en anderzijds de samenwerking en de relatie tussen beide colleges te evalueren. Aangezien de meerderheid van de leden van de Raad van Bestuur pas in of na 2018 benoemd werden, heeft de Raad van Bestuur beslist om, in afwijking van de bepalingen van de Corporate Governance Code, de eerstvolgende formele evaluatie pas door te voeren in 2021. De Raad van Bestuur is van mening dat dit uitstel nodig is om tot een goede evaluatie van het functioneren van de nieuw samengestelde Raad te kunnen komen.

De criteria die in overweging genomen werden tijdens de evaluatie betroffen zowel de omvang, de samenstelling en de performantie van de Raad van Bestuur en de Comités als de kwaliteit van de interactie tussen Raad van Bestuur en Executive Management. De resultaten werden enerzijds bepaald op basis van de antwoorden die gegeven werden op een vragenlijst (bestaande uit een zeventigtal vragen onderverdeeld in een tiental hoofdstukken), en anderzijds de feedback die gegeven werd tijdens individuele gesprekken.

In de jaren dat er geen formele evaluatie plaatsvindt, informeert de Voorzitter van de Raad van Bestuur zich op regelmatige tijdstippen informeel bij de leden van de Raad van Bestuur en van het Executive Management over het functioneren van de verschillende organen.

Diversiteit

Zie p. 44-46.

Beleid inzake de besteding van het resultaat

De voorstellen van de Raad van Bestuur aan de Algemene Aandeelhoudersvergadering met betrekking tot de besteding en verdeling van het resultaat houden rekening met verscheidene factoren, zoals de financiële situatie van de Vennootschap, de resultaten uit bedrijfsactiviteiten, de huidige en verwachte kasstromen en de expansieplannen.

Beleid inzake effectenhandel in aandelen van de Vennootschap

Agfa-Gevaert stelde onmiddellijk na de beursgang in 1999, overeenkomstig haar principes en waarden, een Verhandelingscode (Code of Dealing) op. Die Code bevat de regels die door de bestuurders en het senior management moeten worden nageleefd in het geval zij financiële instrumenten van de Vennootschap willen verhandelen. De Code verbiedt voormelde personen o.m. om te handelen gedurende welomschreven periodes voor de bekendmaking van haar financiële resultaten en voor de bekendmaking van andere koersgevoelige informatie.

Agfa-Gevaert heeft in het licht van de Verordening Marktmisbruik die van toepassing is geworden op 3 juli 2016, de voormelde Code aangepast om ze in overeenstemming te brengen met de huidige wettelijke reglementering terzake. De Verhandelingscode werd een laatste maal aangepast op 21 januari 2020. De aangepaste versie van de Code bevindt zich op de website en op het intranet van de Vennootschap als onderdeel van het Corporate Governance Charter.

Belangrijke gebeurtenissen die na 31 december 2019 hebben plaatsgevonden en inlichtingen over de omstandigheden die de ontwikkeling van de Groep aanmerkelijk kunnen beïnvloeden

Zie toelichting 47 p. 188.

Informatie over de Onderzoek- en Ontwikkelingsactiviteiten

Zie hoofdstuk Innovatie van p. 58 tot p. 60.

Informatie over het bestaan van bijkantoren van de Vennootschap

Agfa-Gevaert NV heeft een bijhuis in het Verenigd Koninkrijk (Agfa Materials UK).

Informatie over het gebruik van afgeleide financiële instrumenten

Om het risico van de wisselkoersen en de interestwijzigingen te minimaliseren worden passende dekkingscontracten ingezet. Daartoe behoren voornamelijk termijnverrichtingen in vreemde munten, optiecontracten en interest-swaps. Het inzetten ervan gebeurt volgens uniforme richtlijnen, is onderworpen aan interne controles en blijft beperkt tot het indekken van de operationele activiteiten en de daarmee verbonden geldbeleggingen en financiële transacties. Meer informatie hierover is te vinden in de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening.

Niet-financiële informatie

Zie hoofdstuk Niet-financieel rapport van p. 16 tot p. 61.

Commissaris

De commissaris van Agfa-Gevaert NV is KPMG Bedrijfsrevisoren, vertegenwoordigd door de heer Harry Van Donink. De commissaris werd op de Jaarvergadering van 14 mei 2019 herbenoemd voor een periode van drie jaar. Zijn mandaat zal ten einde lopen onmiddellijk na de Jaarvergadering van 2022.

Meer details over de honoraria in verband met diensten geleverd door KPMG Bedrijfsrevisoren is te vinden in toelichting 48 op p. 189.

Informatie over belangrijke deelnemingen

Op grond van de informatie waarover de Vennootschap beschikt ingevolge transparantieverklaringen die overeenkomstig de wettelijke en statutaire bepalingen ter zake werden ontvangen, zijn de belangrijkste aandeelhouders op 26 maart 2020:

  • • Active Ownership Capital S.à.r.l. met tussen 10% en 15% van de uitstaande aandelen sinds 12 april 2019;
  • • Classic Fund Management AG met tussen 3% en 5% van de uitstaande aandelen sinds 1 januari 2017;
  • • Axxion S.A. met tussen 3% en 5% van de uitstaande aandelen sinds 15 november 2019;
  • • Norges Bank met tussen 3% en 5% van de uitstaande aandelen sinds 6 september 2018.

Aangezien de Vennootschap momenteel in het bezit is van 2,39% eigen aandelen, ligt de 'free float' momenteel tussen 67,61% en 78,61%.

Informatie over de invoering van de EU-overnamerichtlijn

De Raad van Bestuur verklaart hierbij dat het Jaarverslag is opgesteld in overeenstemming met artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007. In verband hiermee licht de Raad van Bestuur het volgende toe:

  • Een volledig overzicht van de kapitaalstructuur op datum van 26 maart 2020 is opgenomen in het Jaarlijks Financieel Verslag;
  • Er zijn geen statutaire beperkingen, noch op de overdracht van effecten van de Vennootschap, noch op de uitoefening van het stemrecht;
  • Er zijn geen speciale rechten verbonden aan de uitgegeven aandelen van de Vennootschap;
  • De Vennootschap heeft bepaalde financiële overeenkomsten gesloten die effectief kunnen worden, kunnen worden gewijzigd en/of worden beëindigd door verandering in de zeggenschap over de Vennootschap door een openbaar overnamebod;
  • Er zijn bij de Vennootschap geen aandeelhoudersovereenkomsten bekend die aanleiding kunnen geven tot beperking van de overdacht van effecten en/of van de uitoefening van het stemrecht;
  • De regels voor de benoeming en vervanging van de leden van de Raad van Bestuur en voor de wijziging van de statuten van de Vennootschap zijn in extenso beschreven in de statuten en in het Corporate Governance Charter van de Vennootschap. Beide zijn te vinden op de Investors Relations-pagina van de website www.agfa.com;
  • De bevoegdheden van de Raad van Bestuur inzake uitgifte en inkoop van aandelen zijn in extenso omschreven in de artikels 7 en 14 van de statuten van de Vennootschap (versie van 24 april, 2012);
  • Alle belangrijke overeenkomsten afgesloten sinds de datum van bovenvermeld Koninklijk Besluit, waarbij de Vennootschap partij is en die een 'change-of-control'-clausule bevatten, werden ter goedkeuring voorgelegd tijdens de respectieve jaarvergaderingen;
  • De overeenkomsten met de leden van het Executive Management bevatten niet langer een 'change-of-control'-clausule waarbij zij een vergoeding zouden ontvangen in geval zij hun overeenkomst met de Vennootschap zouden beëindigen ten gevolge van een wijziging van de controle over de Vennootschap.

Algemene bedrijfsinformatie

Agfa-Gevaert NV (Ondernemingsnummer 0404.021.727, Rechtspersonenregister Antwerpen) is een beursgenoteerde onderneming naar Belgisch recht, opgericht op 10 juni 1964. De maatschappelijke zetel van de Vennootschap is gevestigd in de Septestraat 27, 2640 Mortsel, België.

De volledige en becommentarieerde financiële gegevens zijn beschikbaar op de website, www.agfa.com, of verkrijgbaar bij de Vennootschap. Informatie met betrekking tot de milieuaspecten is terug te vinden in het Duurzaamheidsverslag van de Groep dat in dit jaarverslag is opgenomen.

Beschikbaarheid van informatie

De statuten van de Vennootschap liggen ter inzage bij de Griffie van de Rechtbank van Koophandel van Antwerpen (België) en op de maatschappelijke zetel. Ze zijn ook terug te vinden op de website, www.agfa.com.

Het Corporate Governance Charter en de Verhandelingscode (Code of Dealing) kunnen worden geraadpleegd op de Investor Relations-pagina's van de website, www.agfa.com.

De jaarrekeningen worden neergelegd bij de Nationale Bank van België.

De jaarrekeningen worden elk jaar, samen met de bijbehorende verslagen, meegedeeld aan de aandeelhouders op naam en een ieder die erom verzoekt.

Het Jaarverslag, de statutaire en geconsolideerde jaarrekening, inclusief het verslag van de commissaris, zijn consulteerbaar op de website www.agfa.com en kunnen worden ingezien op de maatschappelijke zetel.

De oproeping voor de Algemene Aandeelhoudersvergadering wordt gepubliceerd in de financiële pers en is tevens beschikbaar op de website. Inzake financiële berichtgeving worden de financiële resultaten en de overige verplichte informatie gepubliceerd op de website van de Vennootschap, in overeenstemming met de richtlijnen van de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA).

De besluiten betreffende de benoeming en het ontslag van de leden van de Raad van Bestuur worden bekendgemaakt in de Bijlagen tot het Belgisch Staatsblad.

Iedere geïnteresseerde kan zich gratis registreren op www.agfa.com om de persberichten en de verplichte financiële informatie per e-mail te ontvangen.

Het Jaarverslag is op de website, www.agfa.com, beschikbaar in het Nederlands en het Engels.

Remuneratieverslag

Het Benoemings- en Remuneratiecomité (BRC) komt minimum drie keer per jaar samen om onder meer voorstellen aan de Raad van Bestuur uit te werken over het remuneratiebeleid en -niveau voor Bestuurders en leden van het Executive Management.

De remuneratiecriteria beogen het aantrekken, behouden en motiveren van Bestuurders en leden van het Executive Management die voldoen aan het profiel bepaald door de Raad van Bestuur. De remuneratie van de niet-uitvoerende Bestuurders houdt rekening met hun algemene rol van lid van de Raad van Bestuur en met specifieke rollen als Voorzitter van de Raad van Bestuur, Voorzitter of lid van een Comité van de Raad van Bestuur, evenals hun verantwoordelijkheden en tijdsbesteding die daaruit voortvloeien.

Het BRC bepaalt het niveau en de structuur van de remuneratie van de leden van het Executive Management in functie van het aantrekken, behouden en motiveren van gekwalificeerde en deskundige professionelen, rekening houdend met de aard en draagwijdte van hun individuele verantwoordelijkheden.

Remuneratieverslag Remuneratiebeleid

Als algemeen uitgangspunt voor haar remuneratiebeleid voor management gebruikt Agfa een 'marktprijs' die gebaseerd is op de vergelijking tussen het jaarlijks 'Total Target Cash' salaris en de '67ste percentiel van de Algemene Markt'.

'Total Target Cash' is de som van het jaarlijks basissalaris, andere vaste vergoedingen, alsook alle "on target" variabele vergoedingen, met name het 'Global Bonus Plan', de 'Sales Incentive Plans (SIP)', de 'Service Incentive Plans (SEP)' en diverse lokale variabele vergoedingen. Om de individuele positionering te meten ten aanzien van de Algemene Markt, gebruikt Agfa de CompaRatio, zijnde het percentage dat men bekomt indien men het huidige salarispakket deelt door de marktprijs.

  • Deze positionering laat Agfa toe om:
  • a. een consistente aanpak toe te passen in de verschillende regio's;
  • b. de verschillende rollen binnen Agfa te vergelijken (regionaal of functioneel);
  • c. talent aan te trekken en te behouden door differentiatie van de positionering ten aanzien van het 'midpoint' van de markt;
  • d. de kosten te beheersen; en
  • e. voordeel te halen uit een globale visie op de markt, die niet beperkt is tot enkele vennootschappen.

Om duidelijke informatie te hebben over de markt, gebruikt Agfa zowel de functie-evaluatiemethode als de globale salarisoverzichten van Hay (Korn Ferry Group).

Het globale budget dat is toegelaten voor loonsverhogingen wordt jaarlijks vastgesteld en is gebaseerd op verschillende elementen:

  • de globale en lokale financiële situatie van de Vennootschap (kostenbeheersing);
  • de gemiddelde positionering van Agfa's populatie ten opzichte van de lokale markt. Om de individuele positionering te meten ten opzichte van de markt, gebruikt Agfa de CompaRatio's;
  • de markttrends in elk land (en in sommige gevallen zelfs in deelgebieden);
  • de wettelijke verplichtingen;
  • het naleven van het loonsverhogingsbudget dat werd toegekend in het of de vorige ja(a)r(en).

Agfa gelooft in 'Betalen voor Prestaties'. Bijgevolg wordt de evolutie van de verloning gebaseerd op de volgende vijf parameters:

  • het kritieke karakter van de positie en de beschikbaarheid van specifieke vaardigheden op de markt;
  • expertise en prestatie in functie;
  • groeipotentieel van de werknemer;
  • externe (markt) benchmark: CompaRatio;
  • interne benchmark: salaris van peers.

Variabilisering. De 'Total Target Cash' dient in lijn te zijn met Agfa's globaal beleid, en interne en externe billijkheid in een langetermijnvisie.

Global Bonus Plan (GBP): alle managers met een variabele vergoeding die niet verbonden zijn aan een SIP of een SEP, zijn verbonden met een GBP. Dit is een multiplicatief plan gebaseerd op een collectieve en een individuele factor:

  • collectief: de financiële resultaten van Agfa of Agfa HealthCare (al dan niet in combinatie met geografische resultaten) in vergelijking met de doelstellingen;
  • individueel: door de prestatiebeoordeling.

Vastleggen van het Globaal Budget: een globale bonusenveloppe (of 'funding ratio') wordt vastgelegd op het niveau van respectievelijk Agfa en Agfa HealthCare. De 'bonus funding ratio' bepaalt het deel van de totale-on-target-bonus dat zal worden uitbetaald.

De bonusenveloppe is een gesloten enveloppe. Dit betekent dat uitbetaling nooit hoger kan zijn dan de 200% die zal worden uitbetaald wanneer de uiteindelijke EBITDA-resultaten minstens 150% bedragen van de gebudgetteerde EBITDA.

De Raad van Bestuur heeft, op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité, in 2015 beslist om het Global Bonus Plan van het Executive Management te herzien, met de bedoeling om ook een midden- tot langetermijncomponent op te nemen in dat plan. Vanaf het jaar 2017 was de graduele transitie naar het nieuwe plan volledig verwezenlijkt.

Bijgevolg bestaat dit Global Bonus Plan nu uit vier elementen:

  • Een 3-jaarlijkse doelstelling die zal worden toegepast voor 25% van de on-target bonus. De 3-jaarlijkse parameter voor 2022 is een combinatie van de omzet en het EBITDA/Verkoop%. Beide elementen zijn gelijkwaardig en worden dus elk toegepast voor 12,5% van de on-target bonus. Voor beide elementen werd een ondergrens (waaronder de uitbetaling 0 is) en een bovengrens (vanaf dewelke de maximale uitbetaling van 200% wordt bereikt) bepaald. Er wordt een lineaire benadering toegepast tussen de onder- en bovengrens.
  • Een 2-jaarlijkse doelstelling die eveneens zal worden toegepast voor 25% van de on-target bonus. De 2-jaarlijkse parameter voor 2021 is het EBITDA/Verkoop%. Een ondergrens (waaronder de uitbetaling 0 is) en een bovengrens (vanaf dewelke de maximale uitbetaling van 200% wordt bereikt) werden bepaald. Er wordt een lineaire benadering toegepast tussen de onder- en bovengrens.
  • Een 1-jaarlijkse collectieve prestatiedoelstelling zal worden toegepast voor 40% van de on-target bonus. De 1-jaarlijkse parameter is de EBITDA. Een ondergrens (waaronder de uitbetaling 0 is) en een bovengrens (vanaf dewelke de maximale uitbetaling van 200% wordt bereikt) werden bepaald. De uitbetaling is lineair tussen de ondergrens en 130% van de target. Vanaf 131% van de target tot de bovengrens, gebeurt de uitbetaling versneld.
  • Jaarlijkse individuele prestatiedoelstellingen die zullen worden toegepast voor 10% van de on-target bonus. De individuele prestatiedoelstellingen kunnen maximaal voor 100% worden gerealiseerd.

In 2020 zal de Agfa-Gevaert Groep opnieuw enkele exceptionele projecten moeten opleveren die een belangrijke invloed zullen hebben op de toekomstige evolutie en ontwikkeling van de Groep. Een van deze projecten heeft betrekking op de succesvolle implementatie van de verkoop van een gedeelte van de Agfa HealthCare activiteiten aan Dedalus en ander op de verdere implementatie van de strategische alliantie voor Offset Solutions met Lucky HuaGuang Graphics Co. Ltd.

Gegeven het exceptionele karakter en de aard van deze projecten en gegeven hun belang voor de Agfa-Gevaert Groep en zijn stakeholders, heeft de Raad van Bestuur, op aanbeveling van het Nominatie- en Remuneratiecomité, beslist om een uitzonderlijke bonus in het vooruitzicht te stellen voor de leden van het Executive Management indien deze projecten behoorlijk worden opgeleverd binnen de afgesproken deadlines en overeenkomstig de businessplannen. Deze bonus zal bovenop het Global Bonus Plan van het Executive Management komen.

De Raad van Bestuur initieerde in 2019 een herziening van het remuneratiebeleid, onder andere om dit beleid ook aan te passen aan de aanbevelingen van de Belgische Corporate Governance Code 2020. Het verloningspakket van de nieuwe CEO is reeds gebaseerd op dit nieuwe beleid. Het is nu de ambitie om in 2020 het verloningspakket van de overige leden van het Executive Management op dezelfde leest te schoeien en om de verloning van de Bestuurders te evalueren.

Vergoedingen

Raad van Bestuur

Er is geen automatische aanpassing van de vergoedingen voorzien, doch ze worden regelmatig herbekeken om na te gaan of ze nog conform zijn aan het beleid. De laatste aanpassing voor de leden van de Raad van Bestuur dateert van de Jaarvergadering van 2006. De vergoeding van de Voorzitter werd vastgelegd in 2008.

Er wordt een vaste jaarlijkse standaardvergoeding voorzien die verschilt voor de vergaderingen van de Raad van Bestuur enerzijds en de vergaderingen van de Comités anderzijds. Tevens wordt er een onderscheid gemaakt tussen de vergoeding van de Voorzitter en deze van de leden. Deze vergoeding dekt een vooraf bepaald aantal vergaderingen. Bij overschrijding op individuele basis wordt er in een bijkomende vergoeding per bijkomende vergadering voorzien.

Volgende jaarlijkse vaste standaardvergoedingen worden voorzien:

Raad van Bestuur (voor maximaal zeven vergaderingen per kalenderjaar)
Voorzitter (1) 180.000 Euro
Leden 50.000 Euro
AC (voor maximaal vijf vergaderingen per kalenderjaar)
Voorzitter 25.000 Euro
Leden 12.500 Euro
BRC (voor maximaal drie vergaderingen per kalenderjaar)
Voorzitter 15.000 Euro
Leden 7.500 Euro

(1) Deze vergoeding is allesomvattend. Ze omvat dus ook de vergoeding voor het mandaat in het AC alsook eventuele bijkomende vaste vergoedingen zoals van toepassing bij overschrijding van het maximum aantal vergaderingen.

Bijkomende vaste vergoeding van 2.500 euro voor elke vergadering bovenop het maximale aantal van zeven, vijf of drie per kalenderjaar, afhankelijk of het de vaste vergoeding voor de Raad van Bestuur, het AC of BRC betreft.

Een extra onkostenvergoeding van 2.500 euro voor niet EU-ingezetenen voor elke vergadering die zij in Europa bijwonen en hetzelfde voor inwoners van de EU voor elke vergadering die zij buiten Europa bijwonen. Deze regeling uit het verleden werd opnieuw relevant, omdat de Raad van Bestuur sinds 2019 opnieuw een niet EU-ingezetene als lid heeft.

Prestatiegebonden remuneratie

De niet-uitvoerende bestuurders ontvangen geen prestatiegebonden remuneratie.

De jaarlijkse individuele remuneratie toegekend aan de leden van de Raad van Bestuur (zowel uitvoerende als niet-uitvoerende) voor de uitoefening van hun mandaat tijdens het boekjaar 2019 is als volgt:

EURO Raad van Bestuur Comités TOTAAL
Dhr. Jo Cornu (1) 52.500,00 27.500,00 80.000,00
Mevr. Helen Routh 50.000,00 12.500,00 62.500,00
Mevr. Hilde Laga 50.000,00 20.000,00 70.000,00
Dhr. Mark Pensaert (2) 52.500,00 25.000,00 77.500,00
Dhr. Frank Aranzana (3) 50.000,00 10.000,00 60.000,00
Dhr. Christian Reinaudo (4) 52.500,00 - 52.500,00
Dhr. Klaus Röhrig 180.000,00 - 180.000,00
TOTAAL 487.500,00 95.000,00 582.500,00

(1) Vaste vertegenwoordiger voor MERCODI BVBA.

(2) Vaste vertegenwoordiger voor MRP Consulting BVBA.

(3) Vaste vertegenwoordiger voor Vantage Consulting SPRL.

(4) Uitvoerend bestuurder en vaste vertegenwoordiger voor CRBA Management BVBA.

CEO

De Raad van Bestuur heeft na de Jaarvergadering van 27 april 2010 CRBA Management BVBA, vertegenwoordigd door de heer Christian Reinaudo, aangesteld als Gedelegeerd Bestuurder/CEO. De heer Reinaudo heeft per 1 februari 2020 zijn mandaat als CEO neergelegd. Als Gedelegeerd Bestuurder zal hij vervangen worden na de jaarvergadering van 2020.

De vaste jaarlijkse vergoeding van de CEO, CRBA Management BVBA, vertegenwoordigd door de heer Christian Reinaudo, werd vastgelegd op 1.136.800 euro. Deze vergoeding bevat ook bestuurdersvergoedingen van de heer Reinaudo, vanwege mandaten in enkele Agfa-dochtermaatschappijen. Er werd eveneens een jaarlijkse variabele vergoeding 'on target' voorzien van 435.500 euro.

Voor 2019 bedraagt de CEO-vergoeding:

  • vaste vergoeding: 1.136.800,00 euro (1);
  • variabele vergoeding: 425.048,00 euro;
  • vergoedingen voor vervoer, huur en diverse verzekeringen: 72.379,58 euro.

(1) Incl. vergoedingen uitgekeerd aan de heer Christian Reinaudo voor bestuurdersmandaten in Agfa-entiteiten.

Voor de heer Reinaudo werden geen pensioen- of groepsverzekeringsbijdragen betaald. De cash-component van de variabele vergoeding werd voor 50% verdiend op korte termijn (ten hoogste één jaar) en voor 50% op basis van meerjaarse doelstellingen. Zoals toegelicht in de Corporate Governance Verklaring, is de heer Reinaudo een begunstigde van het "Project Aceso – bijzonder bonus plan". Op voorwaarde dat de transactie met Dedalus met betrekking tot de verkoop van een gedeelte van de HealthCare IT activiteiten gerealiseerd wordt, zal de heer Reinaudo in 2020 recht hebben op de vergoeding voorzien in dat bijzonder bonus plan.

De Raad van Bestuur heeft op 1 februari 2020 de heer Pascal Juéry, als vaste vertegenwoordiger van PJY Management BV, aangesteld als CEO en is van plan hem na de jaarvergadering van 2020 onverwijld aan te duiden als Gedelegeerd Bestuurder.

De vaste jaarlijkse vergoeding van de CEO, PJY Management BV, vertegenwoordigd door de heer Pascal Juéry, werd vastgelegd op 780.000 euro (excl. BTW). Deze vergoeding bevat ook bestuurdersvergoedingen van de heer Juéry, vanwege mandaten in enkele Agfadochtermaatschappijen. Er werd eveneens een jaarlijkse variabele vergoeding 'on target' voorzien van 520,000 euro. De overeenkomst met PJY Management voorziet dat de jaarlijkse vaste en variabele vergoeding niet onmiddellijk van bij zijn aantreden, doch slechts gradueel verworven zal worden.

Daarnaast komt de heer Juéry in aanmerking voor een lange-termijn variabele vergoeding. Deze lange-termijn variabele vergoeding is ingebed in een Phantom Stock Option Plan en kan leiden tot een bijkomende cash bonus. De belangrijkste elementen van dit Phantom Stock Option Plan zijn de volgende:

  • De heer Juéry zal gedurende een periode van 5 jaar, die aangevangen is op 1 februari 2020, jaarlijks 200.000 Phantom Stock Options ontvangen.
  • De strike price van ieder van deze Phantom Stock Options bedraagt 4,75 euro (naar beneden aan te passen voor iedere dividend-uitkering).
  • De Phantom Stock Options worden voor een/derde van iedere toekenning verworven op het einde van ieder kalenderjaar gedurende een periode van drie jaar.
  • De Phantom Stock Options kunnen ten vroegste 3 jaar na de toekenning uitgeoefend worden.

Het is voorzien dat de cashcomponent van de variabele vergoeding van de CEO voor 50% wordt verdiend op korte termijn (ten hoogste één jaar) en voor 50% op basis van meerjaarse doelstellingen.

Er is in de overeenkomst met de CEO een contractueel terugvorderingsrecht voorzien van de variabele verloning die zou worden toegekend op basis van onjuiste financiële gegevens.

Tenslotte heeft de heer Juéry recht op een vergoeding van gemaakte reis- en representatiekosten.

Executive Committee

Er is geen automatische aanpassing van de vergoedingen voorzien, maar deze vergoedingen worden regelmatig herbekeken om na te gaan of ze nog conform zijn aan het beleid. Zoals reeds hierboven vermeld, zal het vergoedingsbeleid voor de leden van het Executive Committee in 2020 geëvalueerd worden.

De globale vaste bruto remuneratie voor het Exco bedroeg 1.655.091,51 euro in 2019 (exclusief patronale sociale bijdragen). De totale jaarlijkse 'on target' variabele vergoeding bedroeg 827.421,80 euro.

Voor 2019 bedraagt de globale variabele vergoeding 807.564,00 euro (exclusief patronale sociale bijdragen). Voor de leden van het Exco wordt deze vergoeding gedeeltelijk, afhankelijk van hun persoonlijke situatie, omgezet in een pensioenpremie. Voor deze leden werden pensioenbijdragen betaald voor een bedrag van 241.684,64 euro en 71.668,33 euro onder de vorm van voordelen in natura.

De cashcomponent van de variabele vergoeding werd voor 50% verdiend op korte termijn (ten hoogste één jaar) en voor 50% op basis van meerjaarse doelstellingen. De voordelen in natura, die kunnen verschillen van lid tot lid, omvatten: een bedrijfswagen, een representatievergoeding, maaltijdcheques en diverse verzekeringen (bestuurdersaansprakelijkheid, reisbijstand, hospitalisatie, privéongevallen). Er is in de overeenkomsten met de leden van het Executive Management geen contractueel terugvorderingsrecht voorzien van de variabele verloning die wordt toegekend op basis van onjuiste financiële gegevens.

Ook de leden van het Executive Committee zijn begunstigden van het "Project Aceso – bijzonder bonus plan". Op voorwaarde dat de transactie met Dedalus met betrekking tot de verkoop van een gedeelte van de HealthCare IT activiteiten gerealiseerd wordt, zullen de leden van het Executive Committee recht hebben op een bijkomende vergoeding zoals voorzien in dat bijzonder bonus plan.

Aandelen en opties

Er werden noch aan de CEO, noch aan de leden van het Exco, aandelen toegekend als onderdeel van hun remuneratie. In de overeenkomst met de nieuwe CEO, de heer Juéry, werd voorzien dat hij 100.000 aandelen Agfa-Gevaert diende aan te kopen. De heer Juéry heeft deze aandelen aangekocht vooraleer hij zijn mandaat als CEO opnam.

Voor 2019 heeft de Raad van Bestuur ervoor geopteerd, zoals in vorige jaren, geen opties aan het Executive Management toe te kennen. Er zijn geen openstaande aandelenopties meer of andere rechten die werden toegekend aan de leden van het Executive Management om aandelen te verwerven.

Tijdens de Jaarvergadering van 2014 hebben de aandeelhouders besloten om het voorstel goed te keuren van de Raad van Bestuur om onder bepaalde voorwaarden de negende tranche van het 'Long Term Incentive Plan' te activeren. De belangrijkste parameters van deze tranche zijn dat het een Long Term Incentive Plan is voor in aanmerking komende leden van het Executive Management, kaderleden van niveau I en II en bepaalde andere werknemers, waarbij ongeveer 4.060.000 opties toegekend kunnen worden vanaf het ogenblik dat de slotkoers van de aandelen op Euronext Brussel gedurende de laatste 30 kalenderdagen voorafgaand aan de datum van aanbieding hoger is dan 3,45 euro per aandeel. Na reflectie binnen het BRC over de vraag of een aandelenoptieplan nog steeds de best mogelijke vorm van Long Term Incentive Plan is voor de Agfa-Gevaert Groep, heeft de Raad van Bestuur in de loop van 2016 beslist om een 'Stock Appreciation Rights Bonus'-plan te lanceren. Bijgevolg werden er nog steeds geen aandelenopties toegekend onder de negende tranche van het Long Term Incentive Plan. De CEO en de leden van het Exco waren geen begunstigden van de eerste en enige tranche van het 'Stock Appreciation Rights Bonus'-plan. De Raad van Bestuur heeft immers beslist om het "Stock Appreciation Rights Bonus"-plan te beëindigen, nu er een Phantom Stock Option Plan werd gelanceerd.

Verbrekingsvergoeding

De bepalingen in verband met verbreking in de contracten van de verschillende leden van het uitvoerend management, kunnen als volgt samengevat worden:

De heer Reinaudo heeft op 1 februari 2020 zijn mandaat als CEO neergelegd om met pensioen te gaan. Hij kwam bijgevolg niet in aanmerking voor een vertrekvergoeding.

De Raad van Bestuur kan het mandaat van de nieuwe CEO op ieder ogenblik beëindigen met een opzegtermijn van 12 maanden. Mocht de opzeg gebeuren vóór 2022, is de opzegtermijn korter. Indien het mandaat beëindigd wordt omwille van een ernstige fout, kan de overeenkomst met de CEO onmiddellijk beëindigd worden zonder dat er schadevergoeding verschuldigd is.

In het geval van een beëindiging van het contract door de Vennootschap (en met uitzondering van een ernstige fout), heeft de heer Thijs recht op een opzegtermijn berekend conform het minimum voorzien in art. 82 §5 van de wet van 3 juli 1978 (drie maanden per vijf jaar anciënniteit), gecorrigeerd, in voorkomend geval, in overeenstemming met de voorzieningen van de Wet van 26 december 2013. De heer Vanhooren heeft geen expliciete contractuele verbrekingclausule en valt onder de toepassing van de algemene Belgische wetgeving terzake. In het geval van een beëindiging van het contract door de Vennootschap (en met uitzondering van een ernstige fout), hebben de heren Delagaye en De Man recht op een opzegtermijn berekend op basis van een zeker schema, gecorrigeerd, in voorkomend geval, in overeenstemming met de voorzieningen van de Wet van 26 december 2013. Dit schema voorziet in een minimale opzegtermijn van zes maanden en een maximum van 15 maanden bij pensionering voor de heer Delagaye en een maximum van 12 maanden voor de heer De Man.

In de gevallen dat ze zich dienen te houden aan het contractuele niet-concurrentiebeding, hebben de heren De Man, Vanhooren, Delagaye en Thijs bovendien recht op een bijkomende schadevergoeding gelijk aan 75% van de brutoremuneratie voor de 12 maanden van het niet-concurrentiebeding. 241

Woordenlijst

AOX

De som van de organische halogeenverbindingen in water die onder gestandaardiseerde omstandigheden kunnen geabsorbeerd worden door geactiveerde koolstof.

beeldverwerkingssoftware

Deze software analyseert digitale medische beelden en past automatisch beeldverbeteringstechnieken toe om alle details beter in beeld te brengen. Ze verbetert de workflow in de radiografieafdelingen en ze geeft de radioloog de mogelijkheid om sneller en accurater te werken. Agfa HealthCare's MUSICA-software wordt algemeen erkend als een norm in deze markt.

capacitieve sensor

Een capacitieve sensor detecteert alles wat geleidbaar is of wat een andere diëlektriciteit heeft dan lucht. Capacitieve sensoren vervangen mechanische drukknoppen.

chemievrije drukplaat

Een drukplaat die na de belichting geen extra chemische behandelingen nodig heeft.

Clinical Information System (CIS)

Deze uitgebreide, geïntegreerde IT-systemen zijn ontworpen voor het verzamelen, opslaan, bewerken en beschikbaar maken van klinische informatie met belang voor de zorgverstrekking. Clinical Information Systems kunnen beperkt zijn tot een bepaald vakgebied (bv. IT-systemen voor de laboratoria, systemen voor het beheer van electrocardiogrammen), maar er bestaan ook uitgebreide systemen die betrekking hebben op vrijwel alle klinische informatie (bv. elektronische patiëntendossiers of electronic patient records).

CO2

Koolstofdioxide. Komt vrij bij de verbranding van organische brandstof.

computed radiography (CR)

Technologie waarbij röntgenbeelden gemaakt worden met conventionele röntgenapparatuur, maar waarbij de beelden vastgelegd worden op herbruikbare platen, in plaats van op röntgenfilm. De informatie op de platen wordt gelezen door een digitizer, wat een digitaal beeld oplevert. Aangepaste beeldverwerkingssoftware (zoals Agfa HealthCare's MUSICA) kan gebruikt worden om de kwaliteit van de beelden automatisch te optimaliseren voor het stellen van diagnoses. De digitale beelden kunnen ook aangevuld worden met manuele input (aantekeningen, afmetingen,…). Ze worden beheerd en gearchiveerd op een Picture Archiving and Communication System. zie ook direct radiography

computer-to-plate (CtP)

Een proces waarbij de pagina's of de illustraties van drukwerk – bijvoorbeeld de pagina's van kranten of magazines – rechtstreeks vanaf computerfiles digitaal belicht worden op drukplaten, zonder dat daarbij film nodig is. zie ook computer-to-film

CT (computertomografie of computed tomography)

Een CT-scanner gebruikt een reeks röntgenstralen om 'beeldschijven' van het lichaam te maken. Agfa's product-portfolio bevat geen CT-scanners, maar zijn Picture Archiving and Communication Systems worden gebruikt voor het beheer en de 3D-visualisatie van de digitale beelden. Met Agfa's hardcopyprinters kunnen hoogkwalitatieve afdrukken van de beelden gemaakt worden.

CtP

zie computer-to-plate

CZV

Chemisch zuurstofverbruik: de hoeveelheid zuurstof die nodig is voor de chemische oxidatie van in water aanwezige stoffen.

digitale radiografie

Een vorm van röntgenonderzoek waarbij digitale technologie gebruikt wordt in plaats van traditionele fotografische röntgenfilm. De meest gebruikelijke technologieën voor digitale radiografie zijn computed radiography en direct radiography.

direct radiography (DR)

Radiografische technologie die röntgenenergie omzet in digitale gegevens zonder als tussenstap gebruik te maken van film of platen voor het vastleggen van beelden. Deze digitale data genereren een diagnostisch beeld op een PC. Het feit dat het om digitale gegevens gaat, opent een hele reeks mogelijkheden op het gebied van beeldoptimalisering en -aanvulling en van archivering op Picture Archiving and Communication Systems. DR-systemen worden meestal gebruikt in gecentraliseerde radiologieomgevingen. zie ook computed radiography

drukplaat (voor computer-to-plate-technologie)

Drukplaten die bestaan uit een hoogkwalitatief geruwd en geanodiseerd aluminiumsubstraat en een deklaag (uit zilver of fotopolymeer) die duizend keer gevoeliger is dan die van CtF-platen. De lasers die gebruikt worden voor het belichten van deze platen werken met thermische energie of zichtbaar licht. De deklaag reageert op de laserenergie waardoor chemische/fysische veranderingen aan het oppervlak van de plaat ontstaan. Net als de CtF-platen worden de CtP-platen daarna ontwikkeld om een plaat te creëren waarmee gedrukt kan worden. Bij enkele technologieën is er geen ontwikkeling van de plaat meer nodig.

drukvoorbereiding (of prepress)

De voorbereiding en verwerking van beelden, tekst en documentgegevens voordat ze op drukplaten overgebracht worden, inclusief het scannen met hoge resolutie van beelden, de separatie van kleuren, de verschillende types van drukproeven, enz.

e-health

Term voor het gebruik van informatie- en communicatietechnologie in de gezondheidszorgsector.

Electronic Health Record (EHR)

Wanneer het Electronic Patient Record van een persoon gekoppeld wordt aan zijn/haar niet-medische elektronische dossiers van organisaties als overheden en verzekeringsmaatschappijen, ontstaat een EHR.

Electronic Patient Record (EPR)

Het elektronisch alternatief voor het patiëntendossier op papier. Het EPR bevat alle gegevens van een patiënt, zoals demografische info, de onderzoekopdrachten en -resultaten, laboratoriumrapporten, radiologische beelden en rapporten, behandelingsplannen, speciale dieetvereisten, enz. Het kan eenvoudig in het hele ziekenhuis en eventueel zelfs daarbuiten geraadpleegd worden.

Enterprise Imaging

Agfa HealthCare's Enterprise Imaging-platform verenigt afdelingsgebonden PACS, RIS, geavanceerde 3D-functionaliteiten, spraakherkenning, archivering, viewer- en mobiele functionaliteiten. De oplossing verbetert en versnelt het nemen en terugvinden van beelden, optimaliseert de efficiëntie en de performantie, verbetert de patiëntenzorg en maakt samenwerking mogelijk over afdelingen, ziekenhuizen en regio's heen.

flexodruk

Druktechniek waarbij flexibele, rubberen of kunststof drukplaten bevestigd worden op drukrollen. De inkt wordt op de drukplaten aangebracht, die dan als een stempel tegen het papier of ander substraat gedrukt worden.

gedrukte schakeling (printed circuit board of PCB)

Een dunne plaat (ook bord genoemd) waarop chips en andere elektronische componenten bevestigd worden. Computers bevatten een of meer borden. Gedrukte schakelingen worden ook printplaten of printed circuit boards genoemd.

geïntegreerde zorgsystemen

Deze systemen integreren alle zorgaanbieders, overheidsdiensten en ziekenfondsen, patiënten en andere betrokkenen van hele regio's en landen in een virtueel netwerk. Ze verzamelen en analyseren data van alle betrokkenen om mogelijke zorggerelateerde complicaties – zoals onder- en overcapaciteit in ziekenhuizen en medische fouten – te voorspellen en te voorkomen. Ze kunnen een belangrijke rol spelen in het beheer van chronische ziektes en ze kunnen het mogelijk maken om gezondheidsproblemen die zich in een populatie ontwikkelen in een vroeg stadium te ontdekken.

geleidende inkt

Geleidende inkten worden typisch gebruikt voor gedrukte elektronicatoepassingen zoals: gedrukte busbars en geleiders in membraantoetsenborden en -schakelaars, RFID-antennes, aanraakschermpanelen,...

Agfa's ORGACON nano-zilverinkten hebben een zeer hoog geleidingsvermogen met een lage zilverdepositie en ondersteunen patronen met een hoge resolutie. De voordelen van ORGACON zijn: patronen van micro-rasterelektroden door middel van zeefdruk, hooggeleidende sporen bij lage dikte en breedte, vervormbaarheid en flexibiliteit.

grootformaatprinter

Ook breedformaatprinter genoemd. Digitale printer die op vellen of rollen van 24 inch/60 cm of breder drukt.

hardcopy

Een hardcopy is de uitgeprinte versie van een digitaal beeld. De hardcopy-printers van Agfa HealthCare kunnen medische beelden printen die afkomstig zijn van verschillende bronnen: CT-scanners, MRI-scanners, systemen voor computed radiography (CR) en direct radiography (DR),... Agfa's gamma bevat zowel zogenaamde 'natte' als 'droge' printers. Natte lasertechnologie maakt gebruik van waterige chemische oplossingen voor de ontwikkeling van het beeld. De milieuvriendelijke droge technologie print het beeld rechtstreeks van de computer op een speciale film door middel van thermische effecten.

Hospital Information System (HIS)

Deze uitgebreide, geïntegreerde IT-systemen beheren de medische, administratieve, financiële, en legale aspecten van een zorgorganisatie.

inkjet (systeem)

Elke printer die extreem kleine inktdruppels op het papier aanbrengt om een beeld te creëren. Het kan gaan van kleine apparaten voor gebruik in kantoren, over middelgrote printers voor bijvoorbeeld het printen van posters tot grote systemen voor industriële toepassingen.

membraan

Een dunne, flexibele laag van een materiaal dat ontworpen is om componenten van een oplossing van elkaar te scheiden.

membraanschakelaar

Een membraanschakelaar is een elektrische schakelaar om een circuit aan of uit te schakelen. Membraanschakelaars zijn interfaces tussen gebruiker en apparaat. Het kunnen zowel heel eenvoudige schakelaars zijn, zoals verlichtingsschakelaars, als heel complexe, zoals membraankeyboards en schakelpanelen voor computers.

modaliteiten

Hiermee worden in dit verslag de verschillende beeldvormingssystemen bedoeld, waaronder radiografieapparatuur, MRI-scanners en CT-scanners. Deze systemen kunnen worden aangesloten op een Picture Archiving and Communication System (PACS) van Agfa HealthCare.

MRI (Magnetic Resonance Imaging)

De MRI-scanner creëert een magnetisch veld rond de patiënt. Het systeem produceert beelden door radiogolven te pulseren, gericht op de te onderzoeken lichaamsdelen. Agfa HealthCare's productportfolio bevat geen MRI-scanners, maar haar Picture Archiving and Communication Systems (PACS) worden gebruikt om de digitale beelden te beheren en te visualiseren. Met Agfa HealthCare's hardcopy-printers kunnen hoogkwalitatieve afdrukken van de beelden gemaakt worden.

N

Stikstof.

niet-destructief materiaalonderzoek

Bij deze onderzoeksmethode worden de structuur en de tolerantie van materialen gecheckt zonder ze te beschadigen of te vervormen.

NOX

Stikstofoxide. Komt bijvoorbeeld tot stand door verbranding met lucht.

offsetdruk

Druktechniek waarbij dunne aluminium drukplaten om een cilinder gebogen worden. Al roterend nemen de drukplaten op de juiste plaatsen respectievelijk inkt of water aan. De inkt wordt overgebracht op een rubberen doek dat op een tweede cilinder is bevestigd. Vervolgens wordt de inkt van het rubber op het te bedrukken oppervlak overgebracht.

OHSAS 18001

Internationale norm voor gezondheids- en veiligheidsbeheersystemen. OHSAS staat voor Occupational Health and Safety Assessment System.

P

Fosfor.

PACS

zie Picture Archiving and Communication System

PET (polyethyleentereftalaat of polyester)

Polyethyleentereftalaat of polyester wordt geproduceerd op basis van ethyleenglycol en tereftaalzuur. Het is de basisgrondstof voor het substraat van fotografische film. Het wordt gecoat met verschillende types van chemische lagen voor, bijvoorbeeld, medische of grafische doeleinden.

Picture Archiving and Communication System (PACS)

PACS-systemen waren oorspronkelijk bedoeld om de diagnostische beelden van radiologieafdelingen efficiënt te archiveren en ter beschikking te stellen van de gebruikers. Dankzij specifieke softwareontwikkelingen zijn Agfa HealthCare's systemen ook geschikt gemaakt voor gebruik in andere ziekenhuisafdelingen, zoals cardiologie, orthopedie en vrouwengeneeskunde. Uitgebreide PACS-systemen kunnen alle ziekenhuisafdelingen die intensief met beelden werken in een netwerk verbinden. Met Agfa HealthCare's MUSICA-software kunnen beelden op het PACS-systeem bewerkt en geoptimaliseerd worden.

plaatbelichter

Een plaatbelichter 'kopieert' op een digitale manier gegevens van de computer op drukplaten, die dan ontwikkeld en op de drukpers geplaatst worden.

polymeer

Een polymeer is een grote molecule die is opgebouwd uit aan elkaar gekoppelde kleinere eenheden (monomeren). Er bestaan zowel natuurlijke (bv. eiwitten en rubber) als synthetische (bv. plastic, nylon) polymeren. Geleidende polymeren geleiden elektriciteit. Orgacon™ is de merknaam voor Agfa's productlijn op basis van geleidende polymeren.

Radiology Information System (RIS)

RIS zijn computergestuurde oplossingen voor de planning, de follow-up en de communicatie van alle gegevens over patiënten en hun onderzoeken in de radiologieafdeling, startend vanaf het moment dat een onderzoek werd aangevraagd tot en met het rapport van de radioloog. Het RIS hangt nauw samen met het Picture Archiving and Communication System (PACS) (voor de beelden die deel uitmaken van de onderzoeken).

rasteren

Het creëren van een patroon van punten van verschillende grootte, gebruikt om kleuren- of grijswaardenbeelden weer te geven. Er bestaan verschillende rastertechnologieën.

RFID-antenne

RFID staat voor Radio Frequency Identification, of identificatie met radiogolven. Het staat voor de techniek van automatische identificatie waarbij gebruik gemaakt wordt van radiosignalen om informatie uit te sturen vanuit zogenaamde tags die vastgehecht zijn aan voorwerpen of ingebouwd zijn in ID-kaarten. Er is geen fysiek contact nodig tussen de tag en het identificatieapparaat omdat de gegevens overgedragen worden via een antenne die eveneens in – bijvoorbeeld – de ID-kaart ingebed zit.

UV LED-inkt

UV LED-inkt (of UV LED curable ink) bestaat vooral uit acryl-monomeren. Na het drukken wordt de inkt door een hoge dosis UV LEDlicht getransformeerd tot een harde gepolymeriseerde film. UV LED staat voor ultraviolet light emitting diode (ultraviolette lichtgevende diode). UV LED-inkt droogt onmiddellijk, kan gedrukt worden op een grote verscheidenheid aan dragers en zorgt voor een heel duurzaam beeld. Hij bevat geen schadelijke bestanddelen zoals VOS (Vluchtige Organische Stoffen) of solventen en hij verdampt niet.

VAS

Vluchtige anorganische stoffen.

VOS

Vluchtige organische stoffen.

workflowsoftware

Software die operatoren in staat stelt het drukvoorbereidingsproces te controleren via een interface. Hij stroomlijnt de opdrachten door de individuele stappen in het drukvoorbereidingsproces te automatiseren, wat tijd bespaart en kosten reduceert.

zeefdruk

Drukproces waarbij de inkt door een metalen of nylon zeef op het papier wordt gegoten. De zeef is door middel van sjablonen waterdicht gemaakt op de plaatsen waar het papier niet bedrukt moet worden.

GRI indextabel (kernoptie)

Openbaarmaking GRI Beschrijving Kruisverwijzing
102-1 Naam van de organisatie Jaarverslag p. 234
Corporate Governance Charter 1.1 op www.agfa.com
102-2 Voornaamste merken, producten en/of diensten Jaarverslag p. 10-11
Jaarverslag p. 67-97
102-3 Locatie van het hoofdkantoor van de organisatie Jaarverslag p. 10-13
102-4 Locatie van de activiteiten Jaarverslag p. 10-13
102-5 Eigendomsstructuur en rechtsvorm Jaarverslag p. 233-234
Jaarverslag p. 250
Organisatieprofiel 102-6 Afzetmarkten Jaarverslag p. 10-11
Jaarverslag p. 67-97
102-7 Omvang van de verslaggevende organisatie Jaarverslag p. 9
Jaarverslag p. 183-185
102-8 Samenstelling medewerkersbestand Jaarverslag p. 40-55
102-9 Beschrijving van de toeleveringsketen van de organisatie Agfa Supplier Code of Conduct op www.agfa.com
102-10 Significante veranderingen tijdens de verslagperiode n.n.v.t.
102-11 Uitleg over de toepassing van het voorzorgsprincipe door
de verslaggevende organisatie
Jaarverslag p. 23
102-12 Extern ontwikkelde economische, milieu-gerelateerde en sociale hand
vesten, principes die door de organisatie worden onderschreven
REACH, ISO
102-13 Lidmaatschappen van verenigingen (zoals brancheverenigingen) en natio
nale en internationale belangenorganisaties
VBO, VOKA, essenscia, Belir, WAN-IFRA, VIGC, FESPA,
FEFCO, ESMA, Waterstofnet,…
Strategie 102-14 Verklaring van de hoogste beslissingsbevoegde Jaarverslag p. 4-7
Ethiek en
integriteit
102-16 Gehanteerde waarden, principes, standaarden en gedragsnormen Jaarverslag p. 60-61
Code of Conduct op www.agfa.com
Bestuursstructuur 102-18 De bestuursstructuur van het hoogste bestuurslichaam en de
commissies die verantwoordelijk zijn voor de besluitvorming ten
aanzien van sociale, milieu en economische impact
Jaarverslag p. 222-234
Corporate Governance Charter op www.agfa.com
102-40 Lijst van betrokken belanghebbenden Jaarverslag p. 18
102-41 Werknemers onder een CAO n.n.v.t.
Overleg met 102-42 Uitgangspunten voor inventarisatie/selectie van belanghebbenden Jaarverslag p. 18
belanghebbenden 102-43 Wijze waarop belanghebbenden worden betrokken Jaarverslag p. 18
102-44 Belangrijkste onderwerpen en vraagstukken die uit het overleg
met belanghebbenden naar voren zijn gekomen
n.n.v.t.
102-45 Ondernemingen in de jaarrekening die onder dit verslag vallen Jaarverslag p. 183-185
102-46 Proces voor het bepalen van de inhoud en specifieke afbakening Jaarverslag p. 6-7 en 17-19
102-47 Vastgestelde materiële onderwerpen Jaarverslag p. 19-21
102-48 Gevolgen van een eventuele herformulering van informatie Jaarverslag p. 146-147 Toelichting 20
102-49 Significante veranderingen ten opzichte van vorige verslagperiodes n.n.v.t.
102-50 Verslagperiode waarop de verstrekte informatie betrekking heeft 1 januari 2019 - 31 december 2019
Verslagprofiel 102-51 Datum van het meest recente, vorige verslag April 2019
102-52 Verslaggevingscyclus Jaarlijks
102-53 Contactpersoon voor vragen over het verslag Investor Relations zie Jaarverslag p. 250
102-54 GRI-toepassingsniveau Jaarverslag p. 17
102-55 GRI-tabel Jaarverslag p. 245
102-56 Beleid met betrekking tot assurance n.n.v.t.

n.n.v.t. is nog niet van toepassing

GECONSOLIDEERDE WINST- EN VERLIESREKENING 2015-2019

MILJOEN EURO 2015 2016 2017 2018 2019
Opbrengsten 2.646 2.537 2.443 2.191 2.239
Kostprijs van verkopen (1.804) (1.680) (1.629) (1.489) (1.510)
Brutowinst 842 857 814 701 729
Verkoopkosten (352) (344) (336) (306) (299)
Algemene beheerskosten (170) (167) (169) (172) (176)
Kosten van onderzoek en ontwikkeling (144) (141) (144) (141) (147)
Waardeverminderingsverliezen op handels- en andere
vorderingen, incl. contractuele activa verbonden
aan contracten met klanten
- - (2) (5) (4)
Overige bedrijfsopbrengsten 110 98 68 56 42
Overige bedrijfskosten (125) (137) (93) (73) (131)
Resultaat uit bedrijfsactiviteiten 161 166 138 62 14
Financieringsbaten (-kosten) - netto (11) (8) (7) (8) (8)
Overige financieringsbaten (-kosten) - netto (63) (43) (32) (31) (30)
Nettofinancieringslasten (74) (51) (39) (39) (38)
Aandeel van de Groep in het nettoresultaat van
geassocieerde deelnemingen - na winstbelastingen
- - (1) (1) (1)
Winst (verlies) voor belastingen 87 115 98 22 (25)
Winstbelastingen (16) (35) (53) (34) (28)
Winst (verlies) voor belastingen 71 80 45 (12) (53)
0 0 0 (3) 5
Winst (verlies) over het boekjaar 71 80 45 (15) (48)
Winst (verlies) toewijsbaar aan:
Aandeelhouders van de Onderneming 62 70 37 (24) (53)
Minderheidsbelangen 9 10 8 9 5
Winst per aandeel (euro)
Gewone winst per aandeel (euro) 0,37 0,42 0,22 (0,14) (0,32)
Verwaterde winst per aandeel (euro) 0,37 0,42 0,22 (0,14) (0,32)

Gedurende 2018 heeft de Groep het boekhoudkundig beleid dat ook in voorgaande jaren gold consequent toegepast, met uitzondering van de weergave van de winst- en verliesrekening en het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten. De weergave is gewijzigd ten gevolge van de toepassing van de nieuwe IFRSstandaard IFRS 9 'Financiële Instrumenten'. Volgens deze nieuwe standaard worden de waardeverminderingsverliezen op handels- en andere vorderingen nu als een aparte rubriek weergegeven in de winst- en verliesrekening.

De Groep heeft IFRS 16 voor de eerste keer toegepast op 1 januari 2019, volgens de 'modified retrospective approach'. Onder deze toepassing wordt vergelijkbare informatie over voorgaande perioden niet herwerkt. Bij de eerste toepassing van IFRS 16 was er geen effect op ingehouden winsten.

Onderstaande voetnoot verwijst naar de tabel Geconsolideerde balans op p. 247.

Gedurende 2018 heeft de Groep het boekhoudkundig beleid dat ook in voorgaande jaren gold consequent toegepast, met uitzondering van de weergave van de geconsolideerde balans die ten gevolge van de toepassing van de nieuwe IFRS-standaard, IFRS 15 'Opbrengsten uit contracten met klanten', gewijzigd is. De Groep heeft de nieuwe standaard IFRS 15 toegepast volgens de cumulatieve methode, waarbij het effect van eerste toepassing wordt getoond op 1 januari 2018. Dit betekent dat de Groep de nieuwe vereisten van de standaard niet toepast op vergelijkbare jaarperioden voorgesteld. De nieuwe standaard introduceert het concept van contractuele activa en verplichtingen verbonden aan contracten met klanten. Op 31 december 2017 zaten deze activa en verplichtingen vervat in andere rubrieken van de balans. Op 1 januari 2018 werden de 'Op te maken facturen' (84 miljoen euro) die voorheen begrepen waren in de rubriek 'Handelsvorderingen' geherklasseerd naar 'Contractuele activa verbonden aan contracten met klanten'. Herklasseringen vanuit de rubriek 'voorraad' naar Contractuele activa verbonden aan contracten met klanten' bedragen 11 miljoen euro en hebben voornamelijk betrekking op werken in uitvoering. Herklasseringen vanuit Overige Activa naar Contractuale activa verbonden aan contracten met klanten bedragen 10 miljoen euro en betreffen contracten die de Groep afsloot met derde leveranciers voor de levering van ondersteunende diensten die de Groep in staat stellen om onderhoudscontracten te voldoen aan haar klanten. Langs de passiefzijde bevatten 'Contractuele verplichtingen verbonden aan klanten' op 1 januari 2018 'uitgestelde opbrengsten en vooruitbetalingen' ten belope van 128 miljoen, voorheen apart gepresenteerd in een aparte rubriek van de geconsolideerde balans alsook te betalen bonussen en kortingen aan klanten voor goederen en diensten verkocht gedurende de periode ten belope van 17 miljoen euro. Deze bonussen en kortingen aan klanten werden voorheen gepresenteerd onder opbrengstgerelateerde voorzieningen.

GECONSOLIDEERDE BALANS 2015-2019

MILJOEN EURO 31 dec. 2015 31 dec. 2016 31 dec. 2017 31 dec. 2018 31 dec. 2019
ACTIVA
Vaste activa 1.064 1.066 985 1.019 1.060
Immateriële activa en goodwill 622 621 589 615 566
Materiële vaste activa 214 198 190 174 142
Right-of-use assets 0 0 0 0 110
Geassocieerde deelnemingen 1 6 5 4 4
Overige financiële activa 16 10 11 9 8
Handelsvorderingen 6 12 14 16 21
Vorderingen uit leaseovereenkomsten 49 57 55 62 62
Overige activa 4 13 6 24 24
Uitgestelde belastingvorderingen 152 149 115 114 125
Vlottende activa 1.338 1.286 1.248 1.348 1.234
Voorraden 512 483 487 498 436
Handelsvorderingen 509 493 503 420 408
Contractuele activa verbonden aan contracten met klanten - - - 105 100
Actuele vorderingen uit winstbelastingen 64 64 63 71 75
Overige belastingvorderingen 26 25 23 25 25
Vorderingen uit leaseovereenkomsten 33 30 30 30 34
Overige vorderingen 24 13 14 14 15
Overige activa 40 45 44 34 21
Derivaten 2 4 16 1 1
Geldmiddelen en kasequivalenten 123 129 68 141 107
Vaste activa aangehouden voor verkoop 5 - - 10 10
TOTAAL ACTIVA 2.402 2.352 2.233 2.367 2.294
EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN
Eigen vermogen 268 252 307 290 130
Toewijsbaar aan aandeelhouders van de Onderneming 228 215 275 252 83
Maatschappelijk kapitaal 187 187 187 187 187
Uitgiftepremies 210 210 210 210 210
Ingehouden winsten 771 841 878 854 803
Overige reserves (92) (79) (69) (93) (84)
Valutakoersverschillen (7) 32 (8) (9) (5)
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering
van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen
(841) (976) (923) (897) (1.028)
Toewijsbaar aan minderheidsbelangen 40 37 32 38 47
Langlopende verplichtingen 1.363 1.382 1.241 1.336 1.402
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding 1.185 1.264 1.149 1.066 1.137
Overige personeelsvergoedingen 9 13 13 13 12
Rentedragende verplichtingen 137 74 47 219 225
Voorzieningen 6 4 5 9 5
Uitgestelde belastingverplichtingen 21 19 21 22 19
Handelsschulden 4 6 4 2 2
Contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten - - - 3 1
Overlopende rekeningen 1 2 2 2 1
Kortlopende verplichtingen 771 718 685 740 761
Rentedragende verplichtingen 44 37 39 66 101
Voorzieningen 81 74 66 52 45
Handelsschulden 202 219 220 217 232
Contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten - - - 163 151
Uitgestelde opbrengsten en vooruitbetalingen 141 141 128 - -
Actuele verplichtingen uit winstbelastingen 60 56 53 47 49
Overige belastingverplichtingen 45 37 34 27 38
Overige te betalen posten 46 11 12 17 9
Personeelsbeloningen 130 132 128 134 130
Overige verplichtingen
Derivaten 5
17
3
8
3
2
4
13
1
5

GECONSOLIDEERDE KASSTROOMOVERZICHTEN 2015-2016

MILJOEN EURO 2015 2016
Winst (verlies) over het boekjaar 71 80
Aanpassingen voor:
- Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen 61 72
- Wijzigingen in de reële waarde van derivaten (2) 2
- Toegekende subsidies (9) (8)
- (Winsten) verliezen uit de verkoop van vaste activa (4) (12)
- Nettofinancieringslasten 74 51
- Aandeel van de Groep in het nettoresultaat van geassocieerde deelnemingen - na winstbelastingen - -
- Winstbelastingen 16 35
207 220
Wijzigingen in:
- Voorraden 5 34
- Handelsvorderingen 31 25
- Handelsschulden (27) (18)
- Uitgestelde opbrengsten en ontvangen vooruitbetalingen 9 (5)
- Overige kortlopende activa en verplichtingen 10 (22)
- Langlopende voorzieningen (85) (70)
- Kortlopende voorzieningen (7) (2)
Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten 143 162
Betaalde belastingen 6 (20)
Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten 149 142
Ontvangen rente 2 1
Ontvangsten uit de verkoop van immateriële activa 2 2
Ontvangsten uit de verkoop van materiële vaste activa 7 6
Ontvangsten uit de verkoop van activa aangehouden voor verkoop - 14
Investeringen in immateriële activa (2) (4)
Investeringen in materiële vaste activa (35) (40)
Ontvangsten uit de leaseportfolio (5) (6)
Overnames (7) -
Wijzigingen in overige investeringsactiviteiten 4 (3)
Nettokasstromen uit investeringsactiviteiten (34) (30)
Betaalde rente (18) (9)
Betaalde dividenden aan minderheidsbelangen (25) (12)
Kapitaalverhoging - -
Leningen (137) (72)
Overige financieringskasstromen (7) (15)
Nettokasstromen uit financieringsactiviteiten (187) (108)
Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten (72) 4
Geldmiddelen en kasequivalenten op 1 januari 194 122
Impact van valutakoersverschillen - 1
Geldmiddelen en kasequivalenten op 31 december 122 127

GECONSOLIDEERDE KASSTROOMOVERZICHTEN 2017-2019

Winst (verlies) over het boekjaar
45
(15)
(48)
Winstbelastingen
53
34
28
Aandeel van de Groep in het nettoresultaat van geassocieerde deelnemingen - na winstbelastingen
1
1
1
Nettofinancieringslasten
39
39
38
Bedrijfsresultaat
138
59
19
Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen
56
60
171
Overige niet-kaskosten
153
168
159
Wijziging in de voorraden
(41)
(57)
50
Wijziging in de handelsvorderingen
(39)
(8)
4
Wijziging in de contractuele activa verbonden aan contracten met klanten
-
4
7
Wijziging in de werkkapitaalactiva (2)
(80)
(61)
62
Wijziging in de handelsschulden
7
(4)
19
Wijziging in de uitgestelde opbrengsten en ontvangen vooruitbetalingen
(5)
-
-
Wijziging in de contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten
-
25
(13)
Wijziging in de werkkapitaalverplichtingen (2)
2
21
6
Wijziging in het werkkapitaal
(78)
(40)
68
Uitgaande kasstroom voor personeelsbeloningen
(199)
(209)
(226)
Uitgaande kasstroom voor voorzieningen
(19)
(25)
(36)
Veranderingen in de leaseportfolio
-
(11)
(9)
Veranderingen in ander werkkapitaal
11
(29)
(18)
Ontvangen kasstromen uit derivaten ter indekking van operationele activiteiten
-
13
(16)
Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten
62
(14)
147
Betaalde belastingen
(22)
(30)
(24)
Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten
40
(44)
123
Investeringsuitgaven
(46)
(40)
(38)
Ontvangsten uit de verkoop van immateriële activa en materiële vaste activa
6
5
7
Overnames na aftrek verworven geldmiddelen
(2)
(25)
(16)
Disposal of discontinued operations
-
-
16
Ontvangen rente
1
3
3
Nettokasstromen uit investeringsactiviteiten
(41)
(57)
(28)
Betaalde rente
(9)
(15)
(15)
Betaalde dividenden aan minderheidsbelangen
(10)
(3)
-
Ontvangsten van leningen
-
227
127
Terugbetalinen van leningen
(23)
(34)
(201)
Payment of finance leases
-
(1)
(42)
Ontvangsten uit / betalingen van derivaten
-
(1)
3
Andere financieringsinkomsten / -kosten
-
(2)
(3)
Overige financieringskasstromen
(13)
2
-
Nettokasstromen uit financieringsactiviteiten
(55)
175
(131)
Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten
(56)
74
(36)
Geldmiddelen en kasequivalenten bij het begin van de periode
127
67 (3)
136
Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten
(56)
74
(36)
Impact van valutakoersverschillen
(3)
(5)
(1)
Geldmiddelen en kasequivalenten op het einde van het boekjaar
68
136 (3)
99
MILJOEN EURO 2017
herwerkt (1)
2018 2019

(1) Gedurende 2018 heeft de Groep de presentatie van het geconsolideerde kasstroomoverzicht gewijzigd door toevoeging van een aparte weergave van de volgende niet-kaskosten: afwaarderingen op voorraden, bijzondere waardeverminderingsverliezen op handelsvorderingen, toevoegingen en terugnames van provisies en opgebouwde aan de periode toegewezen kosten voor personeelsbeloningen, toegezegdpensioenregelingen en andere personeelsplannen. Deze overige niet-kaskosten werden voorheen inbegrepen in wijzigingen van overige kortlopende activa en verplichtingen en veranderingen in langlopende en kortlopende voorzieningen en personeelsverplichtingen. Het management meent dat deze gewijzigde presentatie meer relevante informatie verschaft aan de lezer van de geconsolideerde financiële staten. De Groep heeft vergelijkende informatie van het voorgaande boekjaar aangepast.

(2) Gedurende 2018 heeft de Groep het boekhoudkundig beleid dat ook in voorgaande jaren gold consequent toegepast met uitzondering van de weergave van de geconsolideerde balans en het geconsolideerd kasstroomoverzicht die beiden gewijzigd zijn tengevolge van de implementatie van IFRS 15 'Opbrengsten uit contracten met klanten'. De Groep heeft deze nieuwe standaard toegepast volgens de cumulatieve methode, waarbij het effect van eerste toepassing wordt getoond op 1 januari 2018. Dit betekent dat de Groep de nieuwe vereisten van de standaard niet toepast op vergelijkende jaarperioden die worden voorgesteld. Tengevolge de wijzigingen van de nieuwe standaard IFRS 15, zijn de kasstromen uit wijzigingen van overige kortlopende activa en verplichtingen niet vergelijkbaar met 2017 omwille van het feit dat de kas-instromen en -uitstromen van contractuele activa en verplichtingen verbonden aan contracten met klanten voor 2017 vervat zaten in wijzigingen in voorraden, wijzigingen in handelsvorderingen en wijzigingen in overige kortlopende activa en verplichtingen. Meer informatie wordt verschaft in voetnoot 1 van de geconsolideerde balans.

(3) Negatieve banksaldi zijn gepresenteerd in aftrek van kasmiddelen en voorheen inbegrepen in ontvangsten en terugbetalingen van leningen (31 december 2017: 1 miljoen euro/ 31 december 2018: 5 miljoen euro).

Notering AANDELENBEURS VAN BRUSSEL
Reuters Ticker AGFAt.BR
Bloomberg Ticker AGFB: BB/AGE GR
Datastream B:AGF
AANDELENINFORMATIE
Eerste notering 1 juni 1999
Aantal uitstaande aandelen op 31 december 2019 167.751.190
Beurskapitalisatie op 31 december 2019 559 miljoen euro

Aandeelhoudersstructuur (26 maart 2020)

Op grond van de informatie waarover de Vennootschap beschikt ingevolge transparantieverklaringen die overeenkomstig de wettelijke en statutaire bepalingen ter zake werden ontvangen, zijn de belangrijkste aandeelhouders momenteel:

  • • Active Ownership Capital SARL nv met tussen 10% en 15% van de uitstaande aandelen sinds 12 april 2019;
  • • Classic Fund Management AG met tussen 3% en 5% van de uitstaande aandelen sinds 1 januari 2017;
  • • Axxion S.A. met tussen 3% en 5% van de uitstaande aandelen sinds 15 november 2019;
  • • Norges Bank met tussen 3% en 5% van de uitstaande aandelen sinds 6 september 2018.

Aangezien de Vennootschap momenteel in het bezit is van 2,39% eigen aandelen, ligt de 'free float' momenteel tussen 67,61% en 78,61%.

EURO 2015 2016 2017 2018 2019
Winst per aandeel 0,37 0,42 0,22 (0,14) (0,32)
Nettobedrijfskasstroom per aandeel 0,89 0,85 0,23 (0,26) 0,88
Brutodividend - - - - -
Beurskoers aan het einde van het jaar 5,24 3,673 3,887 3,330 4,618
Hoogste beurskoers van het jaar 5,40 5,117 4,934 4,336 4,860
Laagste beurskoers van het jaar 1,994 2,609 3,601 2,914 3,214
Gemiddelde volume verhandelde
aandelen/dag
389.059 438.204 269.123 425.481 281.280
Gewogen gemiddelde aantal
uitstaande gewone aandelen
167.751.190 167.751.190 167.751.190 167.751.190 167.751.190

Contactadres voor de aandeelhouder

Afdeling Investor Relations Septestraat 27, B-2640 Mortsel, België

Tel. +32-(0)3-444 7124 Fax +32-(0)3-444 4485 [email protected] www.agfa.com/investorrelations

FINANCIËLE KALENDER 2020
Jaarlijkse Algemene Vergadering 12 mei 2020
Resultaten eerste kwartaal 2020 12 mei 2020
Resultaten tweede kwartaal 2020 26 augustus 2020
Resultaten derde kwartaal 2020 13 november 2020

Uitgegeven door Agfa-Gevaert NV Corporate Communication Septestraat 27, B-2640 Mortsel, België

T +32 3 444 71 24

www.agfa.com

Agfa, de Agfa-rombus en andere vermelde Agfa-producten en -diensten zijn geregistreerde handelsmerken van de Agfa Groep. Ze kunnen in bepaalde jurisdicties geregistreerd zijn in naam van Agfa, België, of een van zijn filialen. Alle andere handelsmerken, productnamen en bedrijfsnamen of -logo's die in dit verslag vermeld worden, zijn eigendom van hun respectieve eigenaars.

Vormgeving Mathildestudios, Grembergen (België)

Talk to a Data Expert

Have a question? We'll get back to you promptly.