AI Terminal

MODULE: AI_ANALYST
Interactive Q&A, Risk Assessment, Summarization
MODULE: DATA_EXTRACT
Excel Export, XBRL Parsing, Table Digitization
MODULE: PEER_COMP
Sector Benchmarking, Sentiment Analysis
SYSTEM ACCESS LOCKED
Authenticate / Register Log In

Agfa-Gevaert NV

Annual Report Apr 8, 2016

3906_10-k_2016-04-08_4ab4849e-6eb6-4912-bf32-b6a9cec464c0.pdf

Annual Report

Open in Viewer

Opens in native device viewer

AGFA-GEVAERT JAARVERSLAG 2015

4 01. Brief aan de aandeelhouders
7 Kerncijfers 2015
8 02. Bedrijfsprofiel
10 Agfa, wereldwijd
12 Hoogtepunten 2015
14 03. Groei
20 04. Innovatie
24 05. Duurzaamheid
28 06. Werken@Agfa
32 07. Jaarverslag van de Raad van Bestuur aan de
Aandeelhouders van Agfa-Gevaert NV
33 Commentaar bij de jaarrekeningen
33 Commentaar bij de geconsolideerde jaarrekening
37 Commentaar bij de jaarrekening van Agfa-Gevaert NV
38 08. Agfa Graphics
42 09. Agfa HealthCare
48 10. Agfa Specialty Products
52 11. Financieel verslag
52 Verklaring over het getrouwe beeld in overeenstemming
met het koninklijk besluit van 14 november 2007
53 Geconsolideerde jaarrekening
53 Winst- en verliesrekening
54 Overzicht van gerealiseerde
en niet-gerealiseerde resultaten
55 Balans
56 Mutatieoverzicht van het eigen vermogen
57 Kasstroomoverzicht
58 Toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening
58 1. Verslaggevende entiteit waarover wordt gerapporteerd
58 2. Voorstellingsbasis
59 3. Grondslagen voor financiële verslaggeving

De woorden die cursief worden gedrukt, worden verklaard in de Woordenlijst p.177-180

77 4. Nieuwe standaarden en interpretaties van standaarden
gepubliceerd, nog niet van kracht per einde boekjaar
81 5. Te rapporteren segmenten
86 6. Overnames
86 7. Beheer van financiële risico's
100 8. Informatie over de aard van de kosten
101 9. Overige bedrijfsopbrengsten
102 10. Overige bedrijfskosten
103 11. Nettofinancieringslasten
104 12. Winstbelastingen
109 13. Immateriële activa en goodwill
113 14. Materiële vaste activa
114 15. Financiële activa
114 16. Voorraden
115 17. Overige belastingvorderingen en -verplichtingen
115 18. Overige vorderingen
116 19. Overige activa
116 20. Geldmiddelen en kasequivalenten
117 21. Vaste activa aangehouden voor verkoop
117 22. Eigen vermogen
121 23. Personeelsbeloningen
131 24. Rentedragende verplichtingen
133 25. Voorzieningen
134 26. Uitgestelde opbrengsten en vooruitbetaling
134 27. Overige te betalen posten
135 28. Operationele lease-overeenkomsten
135 29. Verbintenissen en buitenbalansverplichtingen
136 30. Informatieverschaffing over verbonden partijen
137 31. Winst per aandeel
138 32. Investeringen in dochterondernemingen en
investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode
140 33. Gebeurtenissen na balansdatum
140 34. Informatie met betrekking tot de opdrachten en honoraria
van de commissaris
141 Verslag van de Commissaris aan de Algemene Vergadering
143 Statutaire jaarrekening
146 12. Corporate Governance-verklaring
147 Raad van Bestuur
147 Samenstelling van de Raad van Bestuur
148 CV's van de leden van de Raad van Bestuur
151 Comités opgericht door de Raad van Bestuur
151 Auditcomité (AC)
Benoemings- en Remuneratiecomité (BRC)
Management van de Vennootschap
CEO en Executive Committee (Exco)
Interne controle- en risicobeheerssystemen met betrekking
tot financiële rapportering
Beschrijving van de risicofactoren
Evaluatie van de Raad van Bestuur en zijn Comités
Beleid inzake genderdiversiteit
Beleid inzake de besteding van het resultaat
Beleid inzake effectenhandel in aandelen van de Vennootschap
Belangrijke gebeurtenissen die na 31 december 2015 hebben
plaatsgevonden en inlichtingen over de omstandigheden die de
ontwikkeling van de Groep aanmerkelijk kunnen beïnvloeden
Informatie over de onderzoek- en ontwikkelingsactiviteiten
Informatie over het bestaan van bijkantoren van de Vennootschap
Informatie over het gebruik van afgeleide financiële instrumenten
Commissaris
Informatie over belangrijke deelnemingen
Informatie over de invoering van de EU-overnamerichtlijn
Algemene bedrijfsinformatie
Beschikbaarheid van informatie
13. Remuneratieverslag
Remuneratiebeleid
Vergoedingen
Raad van bestuur
CEO
Executive Committee
Aandelen en opties
Verbrekingsvergoeding
14. Duurzaamheidsverslag
Milieu
Human Resources
Woordenlijst
Overzichtstabellen 2011-2015
Winst- en verliesrekening
Balans
Kasstroomoverzichten

Aandeelhoudersinformatie 185

Geachte aandeelhouder, 01

We zijn trots op de resultaten die we in dit jaarverslag 2015 aan u kunnen voorleggen. Ondanks de verdere economische groeivertraging in verscheidene groeimarkten en de onstabiele geopolitieke situatie, zijn we erin geslaagd de omzeterosie een halt toe te roepen. Inderdaad, voor de eerste keer sinds 2012 konden we onze omzet doen groeien. Deze bescheiden groei werd niet alleen ondersteund door de zwakkere euro, maar ook door de goede prestaties van onze groeimotoren, waaronder Agfa Graphics' inkjetactiviteiten en Agfa HealthCare's Direct Radiography- en IT-systemen. Deze trendbreuk is een erg positief teken voor de toekomst.

CHRISTIAN REINAUDO CEO VAN DE AGFA-GEVAERT GROEP

JULIEN DE WILDE, VOORZITTER VAN DE RAAD VAN BESTUUR

01

Naast het stoppen van de omzeterosie, haalden we ook de andere doelstellingen die we onszelf opgelegd hebben. Vooral dankzij de verbetering van onze brutowinstmarge, konden we onze recurrente EBITDA-marge dichter bij de 10% van de omzet brengen. Onze operationele verbeteringen en het succes van onze efficiëntieprogramma's droegen bij tot de verbetering van onze rendabiliteit. Bijgevolg konden we voor het derde opeenvolgende jaar een positief nettoresultaat boeken.

Samen met het strikte beheer van het werkkapitaal leidde de nettowinst tot een positieve kasstroom en een sterke daling van onze netto financiële schuld. Deze resultaten versterken ons geloof dat de Agfa-Gevaert Groep nu op de juiste weg is om de volgende jaren een rendabele groei te realiseren.

Ook in 2015 introduceerden we weer een aantal nieuwe producten die ons technologisch leiderschap demonstreerden. Voor zijn nieuwe Enterprise Imaging-producten heeft Agfa HealthCare al een goed gevuld orderboek. Nog in de gezondheidszorgsector bouwen we een sterke positie uit met onze Direct Radiography-apparatuur en de daaraan verbonden MUSICA-beeldverwerkingssoftware. In mei vulden we deze portfolio aan met een geavanceerde, volledig automatische DR 600-röntgenkamer.

Agfa Graphics toonde dat het de ambitie heeft om een belangrijke rol te spelen in het inkjetsegment van de drukindustrie met de lancering van de grootformaatprinters Jeti Tauro en Jeti Mira. Zij zijn het resultaat van drie jaar intensieve ontwikkeling en van het herdenken van onze productstrategie. Voor deze printers van wereldklasse ontvingen we tal van onderscheidingen op verschillende vakbeurzen. Bovendien overtuigen ze overal ter wereld drukkers met hun uitmuntende drukkwaliteit en hoge productiesnelheden. In het drukvoorbereidingsegment van de drukindustrie introduceerde Agfa Graphics met de N95-VCF een nieuwe generatie chemievrije violette drukplaten voor de krantendrukkerijen. Deze nieuwe plaat is robuurster dan haar voorgangers en ze is geschikt voor grotere oplages.

Agfa Specialty Products zette zijn consolidatiestrategie voort in de klassieke film-marktsegmenten. De klassieke filmproducten staan nog steeds in voor een groot deel van de recurrente omzet van de businessgroep. Tegelijkertijd investeert Agfa Specialty Products in de creatie en uitbreiding van toekomstgerichte productfamilies

op basis van zijn knowhow op het vlak van PET, coating en chemicaliën. In 2015 ging Agfa Specialty Products in zee met MGI Digital Technology voor de ontwikkeling en de marktintroductie van het eerste industriële inkjetsysteem voor de markt van de gedrukte elektronica. Het sloot tevens een overeenkomst met Electra Polymers voor de ontwikkeling van soldeermaskertechnologie op basis van inkjet.

Laat ons nu even dieper ingaan op de resultaten van onze drie businessgroepen.

Agfa Graphics

Agfa Graphics slaagde er ondanks het zwakke economische klimaat in de opkomende markten en de politieke instabiliteit in bepaalde regio's in om de neerwaartse omzettrend om te buigen. De omzet werd ondersteund door positieve wisselkoerseffecten en door de groei met dubbele cijfers van het inkjetsegment. In dat segment kwam de groei vooral van de succesvolle introductie van de nieuwe generatie grootformaatprinters en van de aanzienlijk hogere inktvolumes. De sterke concurrentiedruk in de offsetmarkten bleef wegen op de digitale computer-to-plate-business (CtP) van het drukvoorbereidingsegment. Desondanks begon de volumetrend in deze CtP-business tegen het einde van het jaar te verbeteren. De analoge computer-to-film-business (CtF) bleef sterk achteruitgaan. Omdat de structurele efficiëntiemaatregelen de concurrentiedrukeffecten en de ongunstige grondstofeffecten konden tenietdoen, bleef de brutowinstmarge van Agfa Graphics stabiel.

Agfa HealthCare

Ondersteund door zijn groeimotoren en door positieve wisselkoerseffecten, boekte Agfa HealthCare een omzetgroei van 2,8%. In de digitale radiografiebusiness (bestaande uit Computed Radiography, Direct Radiography en hardcopy) van het Imaging-segment boekte het DR-productassortiment een sterke omzetgroei. Het gamma hardcopy filmproducten presteerde goed in de eerste drie kwartalen van het jaar. In het vierde kwartaal werd deze business beïnvloed door Agfa HealthCare's maatregelen om het voorraadbeleid op het niveau van de distributeurs in overeenstemming te brengen met de economische situatie in de opkomende markten in het algemeen en China en Latijns-Amerika in het bijzonder. In het IT-segment presteerde het HealthCare Information Solutions-gamma goed. Op het vlak van Imaging IT Solutions geraakt de marktintroductie van het nieuwe Enterprise Imaging-platform in een stroomversnelling, vooral in Noord-Amerika en Europa. Vooral door het succes van de efficiëntieprogramma's verbeterde de brutowinstmarge van Agfa HealthCare met 1,3%.

Agfa Specialty Products

De omzet van Agfa Specialty Products bedroeg 189 miljoen euro. De goede prestaties van de toekomstgerichte activiteiten, zoals Orgacon Electronic Materials en Synaps Synthetic Paper, alsook de materialen voor de productie van gedrukte schakelingen, konden de achteruitgang van de traditionele filmactiviteiten gedeeltelijk compenseren.

Trends voor de toekomst

In de grafische industrie zien we een trend in de richting van meer maatwerk, vooral in het sign & display- en het verpakkingsegment van de markt. Marketingspecialisten gebruiken inkjet om de creativiteit van hun aanbod een boost te geven. Maar ook in het informatiedruksegment zoeken drukkers een manier om naar andere technologieën, zoals inkjet, over te schakelen. Offset zal nodig blijven voor de grote oplages van kranten, magazines en boeken. Maar wanneer maatwerk, personalisatie en flexibiliteit nodig zijn, zien we dat inkjet de uitverkoren technologie wordt. Agfa Graphics heeft nu een degelijke marktpositie met zijn grootformaat-inkjettechnologie. Op basis van deze knowhow kunnen we onze inkjetactiviteiten voorzichtig en geleidelijk uitbreiden om verdere rendabele groei na te streven.

In de gezondheidszorgsector zien we dat het Picture Archiving and Communication System bijna een werktuig van het verleden is. We zien dat deze radiologiesoftware geleidelijk een onderdeel wordt van de totale ICS-activiteiten van het ziekenhuis. Gezien onze successen in de VS, in het VK en in Scandinavië, kunnen we zeggen dat we goed op deze trend geanticipeerd hebben. Een tweede trend in de gezondheidszorg heeft betrekking op wat we integrated care of geïntegreerde zorg noemen. Het komt erop neer dat de patiënt centraal komt te staan in de zorgverstrekking. Deze zorg vindt niet alleen binnen de muren van het ziekenhuis plaats, maar ook daarbuiten in de huisartspraktijk en bij de patiënt thuis. Het is belangrijk dat we in een vroeg stadium op deze trend inspelen. We zijn ervan overtuigd dat Agfa HealthCare met de recente investeringen in TIP Group – een Oostenrijkse specialist in Business Intelligence voor de gezondheidszorg – en MPHRx – een Amerikaanse technologieontwikkelaar met focus op integrated care – een belangrijke eerste stap gezet heeft.

Vooruitblik

De Agfa-Gevaert Groep heeft voor 2016 twee duidelijke doelstellingen vooropgesteld.

Ten eerste zullen we voortbouwen op onze verwezenlijkingen in 2015 om in 2016 een EBITDA-percentage van 10% van de omzet te halen. Ondanks de onzekere geopolitieke omstandigheden en de voortdurende economische groeivertraging in verscheidene belangrijke groeimarkten, is de tweede doelstelling het halen van verdere omzetgroei. Op basis van het succes van de groeimotoren en van doelgerichte overnames, verwachten we dat we de jaaromzet op middellange termijn kunnen doen groeien tot drie miljard euro.

Al onze businessgroepen hebben technologisch hoogstaande producten en oplossingen. We hebben ook de juiste mensen en de juiste kennis om succesvol te zijn in onze markten. Samen met de historisch lage financiële schuld zullen deze elementen ons de mogelijkheid geven om onze externe groei-initiatieven te voeden.

Daarom zijn we vol vertrouwen dat we erin zullen slagen om onze onderneming op een rendabele manier te doen groeien.

We willen onze klanten en verdelers oprecht danken voor hun vertrouwen in onze onderneming. We zullen hen blijven dienen met de meest geavanceerde, kwaliteitsvolle en betrouwbare producten en diensten. We danken ook onze werknemers voor hun sterke bijdrage aan het succes van de onderneming en aan de resultaten van 2015. Voorts zijn we ook onze aandeelhouders dankbaar voor hun steun en vertrouwen. De goede resultaten van het voorbije jaar tonen duidelijk aan dat onze groeistrategie de juiste weg is naar de succesvolle transformatie van onze onderneming. Dit gegeven werd in 2015 ook opgepikt door de financiële markten, wat een positieve invloed had op de waardering van onze onderneming. Dit vertaalde zich in een sterke prestatie van het Agfa-aandeel. Voor de verdere uitvoering van onze strategie zullen we alle beschikbare middelen nodig hebben. Daarom zal de Raad van Bestuur aan de Algemene Aandeelhoudersvergadering voorstellen om voor 2015 geen dividend uit te keren.

Julien De Wilde Christian Reinaudo Voorzitter van de Raad van Bestuur CEO van de Agfa-Gevaert Groep

KERNCIJFERS

MILJOEN EURO 2015 2014 2013 2012 2011
WINST- EN VERLIESREKENING
Opbrengsten 2.646 2.620 2.865 3.091 3.023
Evolutie t.o.v. vorig jaar 1,0% (8,6)% (7,3)% 2,2% 2,5%
Graphics 1.358 1.355 1.491 1.652 1.596
Aandeel in groepsomzet 51,3% 51,7% 52,0% 53,5% 52,8%
HealthCare 1.099 1.069 1.160 1.212 1.177
Aandeel in groepsomzet 41,5% 40,8% 40,5% 39,2% 38,9%
Specialty Products 189 197 214 227 250
Aandeel in groepsomzet 7,2% 7,5% 7,5% 7,3% 8,3%
Brutowinst 842 807 834 869 842
Winst (verlies) uit bedrijfsactiviteiten 161 136 163 96 36
Nettofinancieringslasten (74) (59) (71) (85) (3) (84)
Winstbelastingen (16) (18) (43) (20) (23)
Winst (verlies) toewijsbaar aan 71 59 49 (9) (3) (71)
Aandeelhouders van de onderneming 62 50 41 (19) (3) (73)
Minderheidsbelangen 9 9 8 10 2
Winst (verlies) uit bedrijfsactiviteiten 161 136 163 96 36
Herstructureringskosten en niet-recurrente resultaten (19) (16) 19 (43) (93)
Recurrente EBIT 180 152 144 139 129
Recurrente EBITDA 240 222 224 225 218
KASSTROOM
Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten 149 151 107 32 (27)
Investeringsuitgaven (1) (37) (37) (40) (44) (60)
BALANS - 31 DECEMBER
Eigen vermogen 268 146 368 169 (4) 995
Netto financiële schuld 58 126 217 291 267
Nettowerkkapitaal (2) 622 550 699 808 762
Totale activa 2.402 2.548 2.568 2.830 2.949
AANDELENINFORMATIE (EURO)
Winst per aandeel 0,37 0,30 0,25 (0,11) (3) (0,44)
Nettobedrijfskasstroom per aandeel 0,89 0,90 0,64 0,19 (0,16)
Brutodividend 0 0 0 0 0
Boekwaarde per aandeel op jaareinde 1,36 0,87 2,19 1,01 (3) 5,93
Aantal uitstaande aandelen op jaareinde 167.751.190 167.751.190 167.751.190 167.751.190 167.751.190
Gewogen gemiddelde aantal uitstaande gewone aandelen 167.751.190 167.751.190 167.751.190 167.751.190 167.751.190
PERSONEELSLEDEN (op het einde van het jaar, excl. tijdelijke contracten)
Voltijdse equivalenten (actieven) 10.241 10.506 11.047 11.408 11.728

(1) Voor immateriële activa en materiële vaste activa. (2) Vlottende activa verminderd met kortlopende verplichtingen.

(3) Gedurende 2013 heeft de Groep het boekhoudkundig beleid consequent toegepast dat ook in het voorgaande jaar gold, met uitzondering van de gewijzigde regels voor verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding, meer bepaald inzake de bepaling van de pensioenkost van de periode en de nettoverplichting van de toegezegdpensioenregelingen. Deze wijzigingen zijn het gevolg van de toepassing van de aanpassingen aan de standaard IAS 19 zoals gepubliceerd in IAS 19 (gewijzigd 2011). Door de toepassing van deze herziene standaard zijn de overige financieringslasten voor 2012 verminderd met 22 miljoen euro, van 99 miljoen euro naar 77 miljoen euro. Deze herziening heeft tevens een impact gehad op de berekening van de winst per aandeel over 2012, van minus 0,24 euro naar minus 0,11 euro per aandeel. (4) Gedurende 2013 heeft de Groep het boekhoudkundig beleid consequent toegepast dat ook in het voorgaande jaar gold, met uitzondering van de gewijzigde regels voor verplichtingen wegens vergoedingen

na uitdiensttreding, meer bepaald inzake de bepaling van de pensioenkost van de periode en de nettoverplichting van de toegezegdpensioenregelingen. Deze wijzigingen zijn het gevolg van de toepassing van de aanpassingen aan de standaard IAS 19 zoals gepubliceerd in IAS 19 (gewijzigd 2011). Door de toepassing van deze herziene standaard is de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen op 1 januari 2013 gestegen met 786 miljoen euro, zijnde 767 miljoen euro voor de materiële landen van de Groep en 19 miljoen euro voor de andere landen. Deze impact werd geboekt in het eigen vermogen via de ingehouden winsten voor het gedeelte dat betrekking had op de aanpassingen in de bepaling van de pensioenkost over 2012 wat resulteerde in een stijging van de ingehouden winsten met 22 miljoen euro; het overige bedrag, zijnde minus 808 miljoen euro, werd geboekt in een aparte lijn binnen het eigen vermogen zijnde 'verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen'. De impact van de gewijzigde regelgeving is gereflecteerd in de herziene openingsbalans per 1 januari 2012 en de balans per 31 december 2012 alsook in het resultaat over 2012. De impact op de balans per 31 december 2012 is hetzelfde als de impact op de balans per 1 januari 2013. De openingsbalans op 1 januari 2012 bevat herwaarderingen van de

nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregelingen ten belope van 704 miljoen euro, zijnde 687 miljoen euro voor de materiële landen van de Groep en 17 miljoen euro voor de andere landen.

Agfa-Gevaert l Jaarverslag 2015 - 7

Bedrijfsprofiel 02

De Agfa-Gevaert Groep ontwikkelt, produceert en verdeelt een uitgebreid portfolio van analoge en digitale beeldvormingsystemen en IT-oplossingen, voornamelijk voor de grafische industrie, de gezondheidszorgsector en ook voor specifieke industriële toepassingen.

Wereldwijd productieapparaat en verkoopnetwerk

De hoofdzetel en de moedermaatschappij van Agfa bevinden zich in Mortsel, België. De operationele activiteiten van de Groep zijn onderverdeeld in drie onafhankelijke businessgroepen: Agfa Graphics, Agfa HealthCare en Agfa Specialty Products. Elk van deze groepen heeft sterke marktposities, een duidelijk omlijnde strategie en volledige verantwoordelijkheid, bevoegdheid en aansprakelijkheid.

Agfa's grootste productie- en onderzoekscentra zijn gevestigd in België, de Verenigde Staten, Canada, Duitsland, Frankrijk, China en Brazilië. Agfa is wereldwijd commercieel actief via eigen verkooporganisaties in meer dan 40 landen. In landen waar Agfa geen eigen verkooporganisatie heeft, wordt de markt door een netwerk van agenten en tussenpersonen bediend.

02

Agfa Graphics

Agfa Graphics biedt commerciële drukkers, krantendrukkers en verpakkingsdrukkers een uitgebreid gamma geïntegreerde drukvoorbereidingsystemen: van complete computer-to-plateoplossingen en drukplaten tot software voor kleurenmanagement, voor workflowautomatisering en voor het ontwerpen van veiligheidsdrukwerk. Voorts levert Agfa Graphics een breed gamma digitale drukoplossingen aan sign & display-drukkers. Agfa's grootformaatprinters combineren een hoge snelheid met een uitzonderlijke printkwaliteit. Ze maken deel uit van een volledig pakket, inclusief speciale inkten en software voor workflowautomatisering. Tot slot ontwikkelt en produceert Agfa Graphics ook kwaliteitsvolle inkten en vloeistoffen voor verscheidene industriële inkjettoepassingen. Hiermee geven ze industriële bedrijven de mogelijkheid om drukwerk in hun productieprocessen te integreren.

Agfa HealthCare

Agfa HealthCare is een toonaangevende leverancier van systemen voor medische beeldvorming en IT-systemen voor ziekenhuizen en zorgcentra over de hele wereld. De businessgroep is een belangrijke speler op de markt van de medische beeldvorming. Met analoge, digitale en IT-systemen voldoet Agfa HealthCare wereldwijd aan de eisen van gespecialiseerde clinici. Voorts heeft de businessgroep een sleutelrol op de markt van de ziekenhuisbrede IT-systemen. Deze systemen integreren de administratieve, financiële en klinische workflows voor individuele ziekenhuizen en ziekenhuisgroepen. Vandaag vertrouwen zorgorganisaties in meer dan 100 landen op Agfa HealthCare's toonaangevende technologieën, oplossingen en diensten voor de optimalisering van hun efficiëntie en de verbetering van hun patiëntenzorg.

Agfa Specialty Products

Agfa Specialty Products biedt een brede waaier producten voor grote industriële klanten die niet tot de grafische en gezondheidszorgmarkten behoren. Enerzijds biedt de businessgroep klassieke filmgebaseerde producten aan zoals film voor niet-destructief materiaalonderzoek, film voor luchtfotografie, microfilm en film voor de productie van gedrukte schakelingen (PCB's). Anderzijds richt de businessgroep zich op veelbelovende groeimarkten met innovatieve oplossingen. Voorbeelden hiervan zijn synthetisch papier, geleidende polymeren, materialen voor de productie van beveiligde identiteitsdocumenten en membranen voor de productie van waterstof.

Agfa, wereldwijd AGFA'S BELANGRIJKSTE PRODUCTIE- EN O&O-CENTRA

DUITSLAND

BONN MÜNCHEN PEISSENBERG PEITING ROTTENBURG SCHROBENHAUSEN TRIER WIESBADEN (17) (78) (21) (137) (28) (248) (78) (89) (348)

"Agfa is toegewijd aan zijn missie: de partner bij uitstek zijn voor beeldvorming- en informatiesystemen in alle markten waarin het actief is, van de grafische industrie over de sector van de gezondheidszorg tot gespecialiseerde industriële markten. Hiertoe bieden we ultramoderne technologieën, betaalbare oplossingen en innovatieve manieren van werken aan op basis van ons diepgaand inzicht in de activiteiten en de individuele noden van onze klanten. Investeren in innovatie en het leveren van oplossingen van topkwaliteit zijn hierbij de sleutelbegrippen. We hechten echter evenveel belang aan een verantwoordelijke, duurzame en transparante manier van werken. We zijn ervan overtuigd dat dit de juiste aanpak is om het langetermijnsucces van onze onderneming te verzekeren."

CHRISTIAN REINAUDO, CEO VAN DE AGFA-GEVAERT GROEP

AGFA GRAPHICS AGFA HEALTHCARE AGFA SPECIALTY PRODUCTS

PRODUCTIE

O&O

(123)

AANTAL MEDEWERKERS IN O&O OF PRODUCTIE

SHANGHAI WUXI (PRINTING) WUXI (IMAGING) CHINA (55) (48) (134)

Hoogtepunten 2015

Agfa Graphics vult zijn gamma Anapurna- en Jeti-grootformaatprinters aan met de automatische Acorta-snijplotter.

Agfa HealthCare en Santeos winnen het contract voor het Médiale-project. Dat project is gericht op het creëren van een databank voor de medische beelden die gemaakt worden door zorgcentra in de Franse regio Lorraine.

Agfa Graphics introduceert de grootformaatprinters Jeti Tauro en Jeti Mira. Beide inkjetprinters combineren een grote productiviteit met een hoge drukkwaliteit.

Agfa HealthCare introduceert de volautomatische DR 600-röntgenkamer.

Prime Healthcare Services (VS) en Agfa HealthCare tekenen een miljoenencontract voor de installatie van minstens 50 mobiele Direct Radiography-systemen.

Agfa Graphics introduceert N95-VCF, de nieuwe chemievrije violette drukplaat voor krantendrukkerijen. De plaat is robuuster dan haar voorgangers en is geschikt voor veel grotere oplages.

Agfa HealthCare wordt één van de goedgekeurde leveranciers in het NHS-plan dat voor zorgaanbieders in het VK het aanbestedingsproces voor de aankoop van IT-systemen versnelt en vereenvoudigt.

Agfa Specialty Products tekent met Blue Rhine General Trading een overeenkomst voor de verdeling van het gamma synthetische Synaps-papieren in de Verenigde Arabische Emiraten.

Op de SGIA Expo wint Agfa Graphics drie Product of the Year awards in de UV-categorie met zijn Anapurna M2540i-, Jeti Mira- en Jeti Tauro-printers.

Agfa HealthCare kondigt aan dat het voor zijn Enterprise Imaging-oplossing al meer dan 250 nieuwe overeenkomsten getekend heeft.

Agfa Specialty Products gaat samenwerken met MGI Digital Technology voor de ontwikkeling en de marktintroductie van het eerste industriële inkjetsysteem voor de markt van de gedrukte elektronica.

Agfa Specialty Products tekent een overeenkomst met Electra Polymers voor de ontwikkeling van soldeermaskertechnologie op basis van inkjet.

Groei

Al meer dan 100 jaar is Agfa-Gevaert een van de wereldleiders in de beeldvormingsindustrie. Sinds het begin van deze eeuw ondergaat de industrie echter radicale veranderingen. In deze periode zijn de analoge, op film gebaseerde kerntechnologieën grotendeels gedigitaliseerd. Dit fundamentele transformatieproces had heel wat gevolgen voor de organisatie, het businessmodel, het innovatiebeleid en het personeelsbeleid van de onderneming. De overgang van de analoge filmtechnologie naar digitale oplossingen is een onmiskenbaar gegeven, hoewel bepaalde industrietakken en regio's sneller gaan dan anderen. In de grafische industrie en de sector van de gezondheidszorg krimpen de analoge filmmarkten verder. Deze trend werd in de periode 2010-2012 nog versneld door de hoge grondstofprijzen, in het bijzonder de zilverprijs. Het is dan ook vanzelfsprekend dat de kostenstructuur van de filmproductievestigingen aangepast werd aan deze structurele veranderingen in de filmindustrie.

Door de wereldwijde economische crisis is het belang van de opkomende landen voor de groeistrategie van Agfa's digitale oplossingen verder toegenomen. Ook dit zet de onderneming ertoe aan het personeelsbeleid, de productportfolio en de kostenstructuur aan te passen aan deze veeleisende markten. Ondanks de ongunstige economische omstandigheden heeft Agfa-Gevaert een doelgerichte groeistrategie uitgewerkt die het wil realiseren door organische groei en – waar mogelijk – door doelgerichte en weldoordachte overnames.

In de wetenschap dat zijn traditionele markten krimpen, streeft Agfa ernaar de ervaring en de expertise die het door de jaren heen uitgebouwd heeft te gebruiken om actief te worden en verder te groeien in nieuwe domeinen. In deze context investeert de onderneming sterk in de groeimotoren industriële inkjet en IT voor de gezondheidszorg.

Stay Ahead. With Agfa Graphics

Ondanks de groeiende concurrentie van elektronische alternatieven zal drukwerk meerwaarde blijven bieden en een krachtig en essentieel communicatiemiddel blijven. Daarom blijft Agfa Graphics de positie van drukwerk in de totale communicatiemix promoten. De businessgroep speelt met weldoordachte strategieën in op de trends in de snel evoluerende grafische industrie. Agfa Graphics richt zich met name op de segmenten informatiedrukwerk, sign & display en industrieel drukwerk.

Informatiedrukwerk: offset blijft nog jaren de dominante technologie

Het segment van het informatiedrukwerk is het werkterrein van de krantendrukkers en de commerciële drukkers, die onder meer magazines, brochures en boeken produceren. Dit segment verandert aan hoog tempo. Terwijl drukkers in bepaalde opkomende landen nog aan het omschakelen zijn van computer-to-film-technologie (CtF) naar computer-to-plate (CtP), vinden de eerste digitale drukpersen hun weg naar de commerciële drukkerijen in de ontwikkelde landen. Tezelfdertijd passen kranten- en magazine-uitgevers hun inhoud aan aan de verwachtingen van de gebruikers van digitale toestellen, zoals smartphones en tablets.

Ondanks de toenemende concurrentie van de digitale druktechnologieën en de digitale media, zal offset nog jaren de dominante technologie voor informatiedrukwerk blijven. De drukwerkvolumes zullen wereldwijd blijven groeien. Deze groei wordt volledig aangedreven door de opkomende markten, waar de drukindustrie de evolutie van de alfabetiseringsgraad

en het bruto nationaal product volgt. Daarenboven besteden bedrijven niet-dringende drukopdrachten uit aan landen waar de kosten lager liggen. In de grotere economieën wordt het drukplatenverbruik ondersteund door het verhoogde gebruik van kleuren en de trend om meer lokale edities van uitgaves uit te geven. Drukkerijen investeren vandaag nog steeds in nieuwe conventionele offsetmachines om hun productiecapaciteit efficiënter te maken en om een hoger rendement op de investering te bekomen. Offset is nog steeds de technologie bij uitstek voor het produceren van grote volumes informatiedrukwerk door de hoge kosten en de beperkte mogelijkheden van de huidige generatie digitale drukalternatieven.

Sign & display en industrieel drukwerk: inkjettechnologie wint marktaandeel

In de industrietak die zich toelegt op het drukken van borden en displays (sign & display) staan de traditionele druktechnologieën onder druk van de grootformaat-inkjettechnologie. Nieuwe drukkerijen in dat segment beginnen meteen digitaal te drukken en bestaande drukkerijen installeren geavanceerde digitale systemen als aanvulling op of ter vervanging van hun traditionele systemen. De nieuwe technologieën helpen hen bij het verhogen van hun efficiëntie en bij het uitbreiden van hun dienstenaanbod aan hun klanten. Het wordt algemeen aangenomen dat inkjet de strijd gewonnen heeft om voor het grootse deel van de industrie de technologie bij uitstek te worden. Hoewel elektronische billboards ook aan belang winnen, is Agfa Graphics ervan overtuigd dat de grootformaat-inkjettechnologie de komende jaren gestaag zal blijven groeien. Verwacht wordt dat het offensief van de innovatieve inkjettechnologieën nog sterker zal zijn voor de nieuwe industriële druktoepassingen. Glaswerk, meubilair, vloertegels, gordijnen, verpakking en labels kunnen immers niet door digitale alternatieven vervangen worden.

Agfa Graphics' strategie: innovatie, groei, kostenefficiëntie

Om succesvol te zijn in de uitdagende grafische industrie heeft Agfa Graphics een duidelijke strategie uitgewerkt, gebaseerd op drie pijlers: innovatie, groei en kostenefficiëntie.

Innovatie

Agfa Graphics investeert in de verbetering en uitbreiding van zijn innovatieve productaanbod en zijn technologische positie in drukvoorbereiding en inkjet. Op het vlak van de drukvoorbereiding zijn de innovaties gericht op kostenefficiëntie, ecologie en gebruiksgemak. De businessgroep investeert in efficiënte en krachtige oplossingen die klanten in staat stellen om hun concurrentiekracht te verhogen, om rendabele groei te realiseren en om de ecologische voetafdruk van hun drukkerij te verkleinen.

Op het vlak van inkjet investeert Agfa Graphics in de uitbreiding en verbetering van zijn brede gamma veelzijdige, ultrasnelle en kwaliteitsvolle grootformaatsystemen en in zijn uitgebreid aanbod aan inkten voor industriële inkjet-toepassingen. Het ontwikkelen van kwaliteitsvolle, doch betaalbare inkjetsystemen en -producten is de boodschap.

Groei

Agfa Graphics is ervan overtuigd dat de markt van de drukvoorbereiding de komende jaren nieuwe consolidatiegolven zal ondergaan. Als een huidige marktleider in CtP-drukplaten wil Agfa Graphics de drijvende kracht achter de consolidatie zijn en zijn aandeel in deze onder druk staande markt verder uitbreiden. Agfa Graphics verwacht ook voor de markt van de grootformaat-inkjetsystemen een soortgelijke consolidatiedynamiek. Daarom wil het zijn marktaandeel in dit segment uitbreiden.

Agfa Graphics heeft de ambitie om met zijn grootformaatsystemen een van de drie grootste spelers te worden in de op UV-inkjet gebaseerde sign & display-markt. Voorts wil de businessgroep een stevige positie opbouwen met de digitale drukinkten voor nieuwe industriële toepassingen.

Kostenefficiëntie

Met recht en reden eisen klanten de hoogste kwaliteit aan concurrerende prijzen. Daarom is kostenefficiëntie een van de belangrijkste aandachtspunten van Agfa Graphics.

Er gaat veel aandacht naar structurele hervormingen op operationeel vlak, in de supply chain en in de distributie. De businessgroep past de operationele structuur voortdurend aan aan de evolutie in de markten.

Agfa HealthCare: de toekomst van de gezondheidszorg gevisualiseerd

Zorgaanbieders streven voortdurend naar hogere kwaliteit, snellere service en verhoogde tevredenheid bij de patiënten. Tegelijkertijd worden ze echter door verschillende maatschappelijke trends onder druk gezet om de kosten te drukken. Hoewel een aantal overheden snoeien in de budgetten voor gezondheidszorg, wordt algemeen erkend dat digitalisering en IT noodzakelijk zijn om een evenwicht te bewerkstelligen tussen de kwaliteit van de zorgverlening, de veiligheid van de patiënt en de kostenefficiëntie.

Een belangrijke drijfveer voor de transformatie van de gezondheidszorg is de evolutie van de wereldbevolking. Volgens voorspellingen van de Verenigde Naties, zou de wereldbevolking tegen 2050 tot 9,7 miljard kunnen aangroeien. Voorts wordt verwacht dat het percentage 60-plussers tegen 2050 zou kunnen groeien van ongeveer 24% vandaag tot ongeveer 33% in de ontwikkelde landen en van ongeveer 10% tot ongeveer 20% in minder ontwikkelde landen. Aangezien de behoefte aan gezondheidszorg sterk verbonden is met leeftijd zet deze evolutie overal ter wereld de zorgsystemen onder druk. Ze maakt duidelijk dat een verhoging van de productiviteit noodzakelijk is om de groeiende patiëntenstroom op een kostenefficiënte manier te kunnen beheren.

Verbonden met de veroudering van de bevolking en met de dramatische verandering in de levensstijl van de mensen is de snelle ontwikkeling van chronische ziekten. Dit zorgt ervoor dat de focus verschuift van de curatieve geneeskunde naar de preventieve geneeskunde en dat het aantal diagnostische beeldvormingsprocedures toeneemt. Zich bewust van de noodzaak om oplossingen te vinden die kwaliteit met kostenefficiëntie combineren, promoten regeringen en lokale overheden de introductie van digitale technologieën, IT en e-health-systemen. Dit geldt niet enkel voor de Westerse wereld, maar ook voor de opkomende markten met sterke economische groeicijfers.

IT-systemen die alle relevante gegevens over de patiënt bundelen, ze op een gestructureerde manier bij het medisch personeel brengen, alsook de medische besluitvormingsprocessen ondersteunen, zijn een hoeksteen van de hedendaagse zorgverstrekking geworden. Bijgevolg investeren autoriteiten en zorgaanbieders meer en meer in Electronic Patient Records en Electronic Health Records (EPR/EHR).

Agfa HealthCare's strategie: de digitalisering aandrijven en de patiëntenzorg verbeteren door integratie

Beeldvorming

Agfa HealthCare streeft ernaar om zijn gunstige uitgangspunt in de radiologieafdelingen te gebruiken om bestaande en nieuwe klanten bij te staan in hun omschakeling van analoge systemen naar digitale radiografie- en IT-systemen. Agfa HealthCare blijft investeren in de verdere uitbreiding van zijn brede gamma digitale radiografiesystemen om te kunnen voldoen aan de behoeftes van alle zorgaanbieders, van onafhankelijke beeldvormingscentra en kleine ziekenhuizen in opkomende landen tot toonaangevende universitaire ziekenhuizen met meerdere beeldvormingsafdelingen. Met zijn systemen en met zijn support en services wil Agfa HealthCare elke zorgorganisatie de kans geven om de overstap naar digitale beeldvorming te maken. Met zijn toonaangevende en kostenefficiënte systemen voor digitale radiografie, efficiëntieverhogende software en generische contrastmedia helpt Agfa-HealthCare zijn klanten om hun medische beeldvorming betaalbaar te houden.

IT

Imaging IT Solutions

Het is Agfa HealthCare's ambitie om de voorkeurspartner te zijn voor alle types van klanten, van kleine ziekenhuizen die een digitale workflow willen installeren in hun radiologieafdelingen tot grote regionale ziekenhuisnetwerken die de productiviteit in al hun vestigingen willen verhogen. De businessgroep streeft ernaar om alle klanten actief te ondersteunen bij het beheer van hun beeldvormingsworkflow. Voorts ontwikkelt Agfa HealthCare oplossingen die – ongeacht de leverancier – medische beelden integreren in het Electronic Health Record (EHR), wat zorgt voor een efficiëntere samenwerking over de medische disciplines heen, voor een snellere diagnose en voor een betere patiëntenzorg. Bovendien speelt Agfa HealthCare in op de vraag naar minder invasieve visualisatietechnologieën met een groeiend aanbod aan revolutionaire oplossingen zoals software voor virtuele colonoscopie.

Healthcare Information Solutions

Met zijn Hospital Information en Clinical Information Systems (HIS/ CIS) en zijn systemen voor ziekenhuisbreed content management helpt Agfa HealthCare ziekenhuizen om hun organisatie in al haar aspecten te beheren. Voor Healthcare Information Solutions is Agfa HealthCare's strategie tweeledig. Enerzijds zal Agfa HealthCare zijn systemen verder uitbouwen met klinische functionaliteiten en mobiele workflows om zelfs de meest veeleisende klanten te geven wat ze verlangen. Anderzijds streeft de businessgroep ernaar om haar positie in haar huidige markten te consolideren en om haar systemen geleidelijk in bijkomende landen te introduceren.

Integrated Care

Om een antwoord te bieden op de belangrijke demografische uitdagingen in de moderne maatschappij en om de gezondheidszorg duurzaam te houden, streeft Agfa HealthCare ernaar een belangrijke rol te spelen in de opkomst van geïntegreerde zorgsystemen. Deze systemen integreren alle zorgaanbieders, overheidsdiensten en ziekenfondsen, patiënten en andere betrokkenen van hele regio's en landen in een virtueel netwerk. Ze verzamelen en analyseren data van alle betrokkenen om mogelijke zorggerelateerde complicaties – zoals onder- en overcapaciteit in ziekenhuizen en medische fouten – te voorspellen en te voorkomen. Ze kunnen een belangrijke rol spelen in het beheer van chronische ziektes en ze kunnen het mogelijk maken om gezondheidsproblemen die zich in een populatie ontwikkelen in een vroeg stadium te ontdekken. In de toekomst zullen Integrated Care-systemen helpen om de gezondheidszorgkosten onder controle te houden, om de efficiëntie van zorgaanbieders te verhogen en om de patiëntenzorg en patiëntentevredenheid te verbeteren.

In januari 2016 toonde Agfa HealthCare zijn ambitie om een drijvende kracht achter de ontwikkeling van geïntegreerde zorgsystemen te worden door de overname van de Oostenrijkse TIP-Group en door de strategische alliantie met het Amerikaanse My Personal Health Record Inc.

Agfa Specialty Products: expertise en innovatie

Voor de meeste industriële toepassingen worden klassieke op film gebaseerde technologieën vervangen door digitale alternatieven. Sommige industrietakken evolueren sneller dan andere, maar over het algemeen verloopt de achteruitgang van de filmactiviteiten gestaag. Om de uitdagingen in zijn markten het hoofd te bieden heeft Agfa Specialty Products een duidelijke strategie uitgewerkt, gebaseerd op twee pijlers.

Ten eerste streeft Agfa Specialty Products ernaar om zijn positie in de Classic Filmmarktsegmenten te consolideren. Deze segmenten staan nog steeds in voor een groot deel van de periodieke omzet van de businessgroep. Om zijn filmproducten in de krimpende markten te kunnen blijven verkopen, concentreert Agfa Specialty Products zich op kostenefficiëntie en efficiënte productie, zonder daarbij de kwaliteit uit het oog te verliezen.

De overblijvende klanten een goed product leveren aan concurrentiële prijzen is cruciaal. Met dit doel voor ogen tekende Agfa Specialty Products met zorgvuldig geselecteerde zakenpartners langetermijnovereenkomsten voor de levering van film en chemicaliën.

Ten tweede investeert Agfa Specialty Products in de creatie en uitbreiding van toekomstgerichte productfamilies op basis van zijn knowhow op het vlak van PET, coating en chemicaliën. De activiteiten op het vlak van Functional Foils en Advanced Coatings & Chemicals genereren geleidelijk een aanzienlijke en rendabele inkomstenstroom ter aanvulling van de periodieke inkomsten van de traditionelere, op film gebaseerde verbruiksgoederen. In deze context blijft de businessgroep investeren in onderzoek en ontwikkeling, marketing en productie.

04

Innovatie

Agfa-Gevaert beschouwt innovatie als een belangrijk element voor de realisatie van zijn groeistrategie zoals die in het vorige hoofdstuk van dit rapport beschreven werd. Elk jaar investeert Agfa tussen vijf en zes procent van zijn omzet aan O&O. De laatste jaren ontving de onderneming ook leningen en subsidies van verscheidene internationale en nationale organisaties en overheden ter ondersteuning van de O&O-strategie. Dit gaf Agfa de mogelijkheid om te investeren in nieuwe O&O-infrastructuur, om nieuwe projecten op te starten en om nieuwe onderzoekers aan te trekken.

04

Agfa Graphics

In 2015 ging Agfa Graphics door met het uitbreiden en verbeteren van zijn brede gamma drukvoorbereiding- en inkjetproducten.

Drukvoorbereiding

Agfa Graphics is een pionier op het vlak van thermische en violette drukplaten en de bijhorende apparatuur en software. De laatste tien jaar verwierf de businessgroep een positie als technologieleider voor chemievrije computer-to-plate-technologie (CtP). Deze technologie verkleint de ecologische voetafdruk van haar gebruikers, terwijl ze ook de efficiëntie en gebruiksvriendelijkheid van hun drukvoorbereidingsactiviteiten vergroot.

In 2015 introduceerde de businessgroep met N95-VCF een nieuwe generatie chemievrije drukplaten voor het krantensegment van de industrie. Naast andere voordelen is de nieuwe drukplaat robuuster en kunnen er meer exemplaren mee gedrukt worden. Nog voor krantendrukkerijen introduceerde Agfa Graphics een nieuw gamma ultrasnelle machines, waaronder de Attiro VHS clean-out unit voor chemievrije drukplaten en de Advantage N TR VHS-plaatbelichter. Omdat hij tot 400 drukplaten per uur kan klaarmaken voor de drukpers, geeft de plaatbelichter uitgevers de mogelijkheid om hun apparatuur efficiënter te gebruiken en om scherpere productiedeadlines te hanteren voor hun laatste nieuws en last-minute promoties.

Voor het commerciële segment en het sign & display-segment lanceerde Agfa Graphics een nieuwe versie van zijn op de cloud gebaseerde StoreFront-workflowsysteem. Met StoreFront kunnen drukkers webwinkels opzetten en on-line nieuwe markten aanboren.

Agfa Graphics is ook een vernieuwer in de markt van het veiligheidsdrukwerk. In 2015 introduceerde de businessgroep twee belangrijke innovaties voor dit vakgebied. Fortuna 9 is de nieuwe versie van de unieke ontwerpsoftware voor toepassingen die een hoog beveiligingsniveau vereisen, zoals paspoorten,

identiteitsdocumenten, belastingszegels en loterijtickets. De nieuwe Arziro-plugin voor Adobe Illustrator is de ideale ontwerpsoftware voor bedrijven die betrokken zijn bij het ontwerp en de productie van onder meer verpakkingen en labels, tickets, postzegels, bankkaarten, certificaten en diploma's.

Inkjet

De meest opvallende toevoegingen aan het inkjetgamma zijn de grootformaatprinters Jeti Tauro en Jeti Mira. Beide systemen zijn bedoeld voor het midden- en het hogere segment van de sign & display-markt. De systemen combineren hoge productiviteit met uitstekende drukkwaliteit. De hybride UV-printer Jeti Tauro is ontworpen voor het bedrukken van zowel stijve als flexibele materialen. Hij drukt op zowat alles: banners, posters, borden, hout, decoratiemateriaal, keramiek en nog veel meer. De veelzijdige vlakbedprinter Jeti Mira is gebouwd om een grote werkbelasting aan te kunnen.

Vroeg in 2015 introduceerde Agfa Graphics de nieuwe workflowsoftware voor grootformaatdruk Asanti 2.0. Deze software controleert het hele drukproces, van de drukvoorbereiding tot de productie en de afwerking. Nog een belangrijke innovatie is de automatische snij- en afwerkplotter Acorta. Deze machine helpt sign & display-drukkers om van bedrukte stijve en flexibele materialen onder meer afgewerkte decoratieproducten, verpakkingen en banners te maken.

Voorts lanceerde Agfa Graphics een aantal nieuwe UV-inkten voor zijn Jeti- en Anapurna-druksystemen, alsook nieuwe inkjetmedia.

Klanten en experts prijzen de grootformaatprinters van Agfa Graphics voor hun productiesnelheden, betrouwbaarheid en drukkwaliteit. Op de SGIA Expo won de businessgroep niet minder dan drie Product of the Year awards in de UV-categorie. De printers die in de prijzen vielen, waren de Anapurna M2540i, Jeti Mira en Jeti Tauro. Voorts ontving Agfa Graphics twee EPD Awards voor zijn Asantikleurenmanagementsysteem en zijn Anapurna M3200i RTRgrootformaatprinter. De European Digital Press Association bekroont met deze awards de beste nieuwe producten van het jaar in de Europese markt.

Tijdens de InPrint-vakbeurs (Hannover, Duitsland), demonstreerde Agfa Graphics hoe inkjettechnologie bedrijven in staat kan stellen om druksystemen in hun industriële productielijnen te integreren. In dit segment van de markt zijn Agfa Graphics' troeven de ontwikkeling van UV-inkjetinkten voor specifieke toepassingen en de diepgaande kennis op het vlak van de integratie van alle mogelijke elementen (inkten, printkoppen, printers) in een industrieel inkjetdrukproces.

Agfa HealthCare

Agfa HealthCare streeft ernaar om zowel in beeldvorming als in IT geïntegreerde oplossingen aan te bieden op maat van de klant. De businessgroep investeert zo voortdurend in de modernisering van de gezondheidszorgsector. In zijn streven naar meer kwaliteitsvolle, efficiënte en patiëntgerichte zorgprocedures werkt Agfa HealthCare samen met universiteiten, onderzoekcentra, ziekenhuizen en overheden. Een voorbeeld van Agfa HealthCare's innovatiecultuur is zijn onderzoekprogramma EUREKA. Het programma dat in 2011 werd opgestart, heeft als doel het creatieve potentieel van de eigen medewerkers ten volle te benutten. Dit gebeurt door een omgeving te creëren die innovatie mogelijk maakt en die mensen aanzet om hun ideeën te delen. Eén van de doelstellingen van het programma is het aanmoedigen van zowel incrementele als ontwrichtende vernieuwingen die een belangrijke impact op de gezondheidszorg kunnen hebben. EUREKA heeft al heel wat projectvoorstellen opgeleverd. Verscheidene projecten bevinden zich momenteel in de prototype- of ontwikkelingsfase.

Medische beeldvorming

Voor medische beeldvorming biedt Agfa HealthCare een compleet gamma traditionele röntgenfilmproducten, hardcopyfilm en -printers en systemen voor Computed Radiography (CR) en Direct Radiography (DR). Vandaag bevatten Agfa HealthCare's filmproducten minder zilver dan de producten van de concurrentie. De businessgroep streeft ernaar om het zilvergehalte in de filmproducten nog te verminderen en om deze producten nog milieuvriendelijker en kostenefficiënter te maken.

Voorts investeert Agfa HealthCare in de ontwikkeling van vernieuwende digitale beeldvormingsystemen. In 2015 breidde de businessgroep het innovatieve DR-gamma verder uit met nieuwe op de vloer en aan het plafond te monteren systemen.

Beide systemen bieden een groot aantal opties die ziekenhuizen de mogelijkheid geven om hun systeem aan te passen aan hun noden. Een van de voornaamste aandachtspunten van Agfa HealthCare's O&O-investeringen in de beeldvorming is het verminderen van de röntgenstralendoses zonder in te boeten op beeldkwaliteit. In 2015 introduceerde de businessgroep een nieuwe versie van de hoog aangeschreven MUSICA-beeldverwerkingssoftware met speciaal voor neonatale beeldvorming ontwikkelde functies. MUSICA for Neonatal begeleidt zorgverstrekkers bij het controleren en verminderen van de stralingsdoses voor deze uiterst gevoelige patiënten. Bovendien biedt het systeem een zeer hoge beeldkwaliteit en -consistentie.

Imaging IT solutions

Agfa HealthCare investeert in O&O en werkt samen met academische en zakelijke partners om zijn IT-systemen voor beeldvorming voortdurend te verbeteren. Een goed recent voorbeeld is de samenwerkingsovereenkomst met het Institut und Poliklinik für Radiologische Diagnostik van het universitaire ziekenhuis in Keulen. In 2015 voegde Agfa HealthCare nieuwe funties toe aan zijn vernieuwende Enterprise Imaging-systeem. Enterprise Imaging maakt de integratie van beelden in Electronic Health Records mogelijk doordat het voor elke patiënt een echt beeldvormingsrapport creëert. Dit rapport bevat alle mogelijke medische beelden van de patiënt, ongeacht de afdeling of de ziekenhuisafdeling waar ze gemaakt zijn. Zorgorganisaties kunnen het systeem in hun eigen tempo installeren. Ze kunnen kiezen voor een uitgebreid systeem dat alle afdelingen overspant die met medische beelden werken, of ze kunnen opteren voor een toepassingsgericht Enterprise Imaging for Radiology- of Enterprise Imaging for Cardiology-systeem. Dat laatste systeem

werd in 2015 geïntroduceerd. In november kondigde Agfa HealthCare op het RSNA-evenement aan dat het op basis van een onderzoek bij 500 zorgaanbieders werd uitgeroepen tot de belangrijkste Enterprise Imaging IT-leverancier. Nog een belangrijke innovatie op het vlak van IT voor beeldvorming is het Agfa HealthCare Portal. Dit systeem geeft verschillende actoren in de verzorging van een patiënt – waaronder huisdokters, de patiënt zelf en zorgorganisaties – een patiëntgericht overzicht van medische informatie uit verschillende bronnen. Hierdoor is het een eerste stap in de richting van een volledig geïntegreerd zorgmodel.

Tot slot evalueert en verbetert Agfa HealthCare voortdurend zijn Healthcare Information Solutions, waaronder zijn Hospital Information System (HIS)/ Clinical Information System (CIS) en zijn documentbeheersystemen. Omdat het aanpassen van deze omvangrijke internationale basissystemen aan de specifieke vereisten van het nationale zorgsysteem van een land grote O&O-investeringen vraagt, introduceert Agfa HealthCare deze IT-oplossingen slechts geleidelijk in nieuwe markten.

Agfa Specialty Products

Alle activiteiten van de Agfa-Gevaert Groep op het vlak van onderzoek en ontwikkeling voor materialen werden gecentraliseerd in het Agfa Materials Technology Center. Op basis van kerncompetenties op het vlak van polyester en coating en van goed omlijnde technologieplatformen ondersteunt het centrum de innovatie en het onderzoek van alle businessgroepen van de Agfa-Gevaert Groep. Via het Agfa-Labsinitiatief kunnen ook derden beroep doen op de knowhow en de onderzoeksinfrastructuur van het centrum.

Duurzaamheid

05

Voor Agfa is duurzaamheid een element van de activiteiten dat voor alle belanghebbenden langetermijnwaarde moet creëren. Overal ter wereld investeert de onderneming in afval- en recyclageprogramma's, duurzame energieproductie, duurzame logistiek en in de recyclage van verpakking en water.

05

24 - Agfa-Gevaert l Jaarverslag 2015

Een wereldwijde aanpak

Als wereldwijde onderneming erkent Agfa de noodzaak om de milieuprestaties constant te verbeteren, zowel in de eigen activiteiten als bij de klant, door het aanbieden aan milieuvriendelijke producten en systemen. Deze combinatie geeft Agfa de mogelijkheid om de balans tussen de winstgevendheid enerzijds en de sociale impact en de milieu-impact anderzijds te optimaliseren en dus te streven naar duurzaam ondernemen.

Agfa heeft een lange traditie van goed burgerschap. De onderneming streeft naar rendabele groei, maar hecht tegelijkertijd veel waarde aan de impact van zijn activiteiten op de omgeving, aan de gezondheid en veiligheid van zijn medewerkers

en aan de relaties met alle belanghebbenden. Agfa doet dit al vele jaren op vrijwillige basis en in veel gevallen gaat de onderneming verder dan wat de wet oplegt.

Agfa's management is er dan ook vast van overtuigd dat het – met de juiste instelling – niet meer moeite kost om te ondernemen op een verantwoorde, duurzame en transparante manier. Ondernemers die bereid zijn om de platgetreden paden te verlaten, zullen bovendien nieuwe mogelijkheden zien ontstaan.

Agfa's producten zijn ontworpen, ontwikkeld en geproduceerd op een manier die ervoor zorgt dat de productie, de opslag, het transport en het gebruik ervan, evenals het afvalbeheer op het einde van de levenscyclus, een minimale impact op het milieu hebben.

BELEID OP HET VLAK VAN VEILIGHEID, GEZONDHEID EN MILIEU

Agfa's algemene beleidslijnen:

  • Milieubescherming en veiligheid zijn even prioritair als productkwaliteit en operationele efficiëntie.
  • Producten worden ontworpen, ontwikkeld en geproduceerd op een manier die ervoor zorgt dat het productieproces, het transport, de opslag en het gebruik van de producten, evenals het afvalbeheer op het einde van de levenscyclus, een minimale impact op het milieu hebben.
  • Agfa verbindt zich er toe systematisch veilige en vanuit milieuoogpunt aanvaardbare producten en productieprocessen te ontwikkelen.
  • Agfa adviseert zijn klanten, zijn werknemers en de relevante overheden met een evaluatie van zijn producten en productieprocessen over alles wat te maken heeft met gezondheid, veiligheid en milieu.

Agfa Graphics

Op het vlak van duurzaamheid is Agfa Graphics een voorloper in de grafische industrie. De businessgroep biedt zijn klanten de middelen om het gebruik van giftige chemicaliën te elimineren, om het afvalvolume terug te dringen, om het inkt- en waterverbruik te verminderen en om energie te besparen. Zijn chemievrije drukplaten zijn het perfecte voorbeeld van een milieuvriendelijk product dat echt een verschil maakt. Agfa Graphics is er trots op de technologieleider en marktleider voor chemievrije drukplaten te zijn. In 2015 eerde Agfa Graphics het 10-jarig bestaan van de Azura technologie. Met een virtuele tournee werden klanten van Agfa Graphics die de Azura platen gebruiken voor hun drukwerk in de kijker geplaatst. Tijdens IGAS, de grootste grafische vakbeurs in Azië, werd de campagne afgesloten. De Azura plaat wordt door de gebruikers niet alleen wegens zijn lage impact gewaardeerd, maar ook omdat het een gebruiks- en onderhoudsvriendelijk product is met een zeer stabiel belichtingsproces; het systeem is niet alleen milieuvriendelijk maar ook duurzaam op verschillende vlakken.

Naast zijn inkjetapparatuur blijft Agfa Graphics ook UV-inkten voor inkjetdruk ontwikkelen. In tegenstelling tot solventinkten bevatten de UV-inkten van Agfa Graphics geen solventen of VOS. Bovendien is er maar weinig energie nodig om UV-inkten te drogen, wat een belangrijk voordeel is ten opzichte van inkten op waterbasis. Bij de selectie van de reactieve monomeren voor zijn UV-inkten houdt Agfa Graphics steeds rekening met de mogelijke gezondheids- en veiligheidsaspecten van deze stoffen.

De softwaresystemen van Agfa Graphics zijn krachtige middelen voor drukkerijen die efficiëntie, kwaliteit en duurzaamheid hoog in het vaandel dragen. Agfa Graphics ontwikkelt voortdurend nieuwe toevoegingen aan zijn workflowsoftwarepakketten voor commerciële drukkerijen en voor kranten. Deze softwarepakketten bieden commerciële drukkers en krantendrukkers oplossingen die tijd, geld en afval besparen. Dat gebeurt bijvoorbeeld door het gebruik van papieren 'job jackets' overbodig te maken of door het inktverbruik tot 25% te verminderen. Zij stellen drukkers ook in staat om minder droogpoeder te gebruiken en om de opstarttijd voor hun drukpersen te verkorten. Dit zorgt voor een aanzienlijke vermindering van papier- en inktafval. Bovendien zorgen deze toepassingen voor een stabielere afhandeling van de drukopdrachten. Agfa Graphics steunt zijn klanten actief in hun omschakeling naar groenere werkwijzen. In Noord-Amerika, bijvoorbeeld, creëerde Agfa Graphics het Environmental Recognition Awards Program. Met dit programma erkent en eert de businessgroep de drukkers die milieuvriendelijke processen steunen, promoten en in hun activiteiten integreren. Sinds 2007 erkende Agfa Graphics reeds meer dan 200 drukkerijen in de VS en in Canada.

Agfa HealthCare

Met de groeiende wereldbevolking in gedachten investeert de businessgroep Agfa HealthCare voortdurend in de ontwikkeling van beeldvormings- en IT-systemen die helpen om de gezondheidszorg voor de komende generaties betaalbaar en duurzaam te houden. Agfa HealthCare steunt ziekenhuizen actief bij hun inspanningen om vernieuwende beeldvormingsystemen in gebruik te nemen en informatiesystemen te installeren die al hun medische en administratieve afdelingen in één virtueel netwerk verenigen. De digitalisering van de gezondheidszorg brengt niet alleen voordelen op het vlak van efficiëntie en kostenbeheersing. Agfa's vernieuwende oplossingen helpen ook om de ecologische voetafdruk van de gezondheidszorg te verkleinen. Ze verminderen bijvoorbeeld het gebruik van verbruiksgoederen en chemicaliën en ze elimineren het transport van gegevens op film en papier tussen afdelingen of vestigingen van een ziekenhuis.

Agfa HealthCare verbindt zich tot het ontwikkelen en vermarkten van producten en oplossingen die minder afval genereren, de röntgenstralingsdoses verminderen en de levensduur van de bestaande gezondheidszorginfrastructuur van ziekenhuizen verlengen. Doorheen de jaren is Agfa HealthCare geëvolueerd van een aanbieder van röntgenfilm tot een specialist in digitale radiografie en IT voor de gezondheidszorg. Agfa HealthCare steunt zijn klanten actief bij hun overgang van analoge naar digitale radiografie, of van chemisch ontwikkelde film naar 'droge' film, wat eveneens een aanzienlijke vermindering van de röntgenstralingsdosis meebrengt.

Dankzij Agfa HealthCare's beeldverwerkingsoftware kunnen radiologen beschikken over digitale beelden van hoge kwaliteit, geschikt voor diagnose vanaf een computerscherm. Met zijn Enterprise Imagingoplossing biedt Agfa Healthcare radiologie- en cardiologieafdelingen, alsook andere beeldintensieve afdelingen, de instrumenten om efficiënt digitale medische beelden van verschillende beeldvormingsmodaliteiten op te slaan, te beheren en te verdelen.

Zorgorganisaties kunnen eveneens al hun beeldintensieve afdelingen samenbrengen in één digitaal netwerk, zelfs als die afdelingen zich in verschillende vestigingen bevinden. Met de data center-technologie van Agfa HealthCare is het zelfs mogelijk om de gegevens van alle beeldintensieve afdelingen van alle zorgorganisaties in een hele regio

centraal te bewaren. Digitale radiografie en geavanceerde IT-systemen voor beeldvorming verminderen het verbruik van natuurlijke rijkdommen en van energie doordat het kopiëren van files en het transport van data op fysieke dragers vermeden wordt.

Agfa HealthCare treedt ook buiten de grenzen van de medische beeldvorming. Met zijn ORBIS Hospital Information System/Clinical Information System en zijn elektronische archiveringsysteem HYDMedia is de onderneming eveneens actief in de markt voor de ondernemingsbrede IT. Met deze systemen kan Agfa HealthCare medische afdelingen en administratieve afdelingen van ziekenhuizen in één virtueel netwerk verbinden. De ondernemingsbrede IT-systemen geven ziekenhuizen niet alleen de mogelijkheid om de productiviteit op te trekken, de zorgverstrekking te verbeteren en kosten te besparen. Ze helpen zorgcentra eveneens om hun ecologische voetafdruk te verkleinen door het gebruik van papieren documenten te verminderen en de nood aan opslagruimte te verkleinen.

Agfa Specialty Products

De businessgroep Agfa Specialty Products streeft ernaar duurzame producten aan te bieden aan zijn industriële klanten. Voorts werkt de businessgroep met verscheidene partners samen aan de ontwikkeling van producten voor milieuvriendelijke industrietakken.

Agfa Specialty Products levert materialen voor een grote verscheidenheid aan markten en toepassingen. Wanneer producten ontwikkeld of verbeterd worden, zijn duurzaamheid, recycleerbaarheid en herbruikbaarheid steeds belangrijke aandachtspunten. Verscheidene producten van de businessgroep worden gebruikt in milieuvriendelijke toepassingen.

Agfa commercialiseert zijn Synaps-papieren voor een groeiend aantal druktoepassingen. Synaps is gebaseerd op PET-film. Het is volledig recycleerbaar en herbruikbaar. Voor de markt van de smartcards biedt Agfa zijn gamma PETix-materialen aan. Gebaseerd op PET-technologie zijn de PETix-materialen zeer betrouwbaar en robuust. PETix verlengt de levensduur van de smartcards, waardoor de ecologische voetafdruk van de kaartproductie aanzienlijk beperkt wordt.

Agfa Specialty Products verkoopt ook Zirfon Pearl-separatormembranen voor de productie van waterstof. Moderne installaties voor waterstofproductie gebruiken de Zirfon Pearl-membranen om hun efficiëntie en productiviteit te verbeteren. Voortbouwend op zijn kerncompetenties op het vlak van polyestersubstraten en chemische deklagen ontwikkelt Agfa Specialty Products bouwstenen voor toepassingen op het vlak van hernieuwbare energie. Een goed voorbeeld hiervan zijn Agfa's Arzona backsheet foils voor de productie van zonnepanelen.

De Agfa-Gevaert Groep ondergaat nog steeds een uitgebreid transformatieproces. Van een marktleider in analoge beeldvorming evolueert de onderneming tot een internationale speler op het vlak van digitale beeldvorming- en druksystemen en van IT-oplossingen. De belangrijkste doelmarkten zijn de grafische industrie en de sector van de gezondheidszorg.

06

Tijdens deze transformatie verlaat Agfa steeds meer het vertrouwde terrein van de op film gebaseerde beeldvormingstechnologie en snijdt het nieuwe, snel evoluerende technologiedomeinen aan. Tezelfdertijd evolueert de onderneming van het louter verkopen van verbruiksgoederen naar het aanbieden van totaaloplossingen die apparatuur, diensten en verbruiksgoederen inhouden. Uiteraard heeft dit een sterke impact op de benodigde werknemersprofielen. Innovatie, flexibiliteit, technische vaardigheden, marktkennis en ondernemerszin zijn van cruciaal belang.

Innovatie is essentieel voor de ontwikkeling van nieuwe producten en oplossingen. Deze producten introduceren en succesvol nieuwe markten aanboren is onmogelijk zonder afdoende ondernemersvaardigheden. Tevens is het ook nodig dat mensen open staan voor mobiliteit en verandering. In één woord: flexibiliteit.

Agfa's HR-beleid is gericht op de ontwikkeling van een aantal processen op het vlak van leiderschap, interne mobiliteit, prestatiemanagement en continue opleiding. Bovendien gaat veel aandacht naar veiligheid, communicatie en gelijke rechten.

Sinds 2012 werd binnen de onderneming wereldwijd het intern mobiliteitsprogramma geïntroduceerd als een fundamentele component van Agfa's personeelsbeleid. Hierbij streeft Agfa ernaar de juiste werknemer in de juiste functie op het juiste moment en de juiste locatie te hebben aan de juiste kost. Met die bedoeling zoekt Agfa constant de juiste balans tussen competenties aantrekken van buiten het bedrijf, intern competenties ontwikkelen en de algemene inzetbaarheid verhogen door werknemers te stimuleren om succesvol van de ene functie naar de andere over te stappen.

Ook werd de invoering van het trainings- en ontwikkelingsprogramma Leading@Agfa voortgezet. Het programma is gericht op alle Agfa-managers. Het geeft hun toegang tot tools voor zelfanalyse, pakketten voor zelftraining tot groepstrainingsessies in verband met de verschillende aspecten van leiderschap.

Op Agfa's intranet werd een Academy Learning Platform gecreëerd dat toegankelijk is voor alle medewerkers. In deze online trainingscatalogus vinden ze zowel productgerelateerde trainingstools, alsook trainingsprogramma's op het vlak van communicatie, management en klantgerichtheid.

Tenslotte ondersteunt ook het prestatiemanagementproces de verdere ontplooiing van Agfa's medewerkers. Voor elk van hen worden de individuele doelstellingen afgestemd op de algemene doelstellingen van de onderneming. Bovendien wordt de werknemer nauwer betrokken bij het beoordelingsproces. Veel aandacht gaat ook naar het persoonlijke ontwikkelingsplan.

WERKNEMERS PER CORPORATE FUNCTIE

(1) ALGEMEEN & ADMINISTRATIE 15,51% (2) LOGISTIEK & SUPPLY CHAIN 3,84% (3) PRODUCTIE 29,43% (4) ONDERZOEK & ONTWIKKELING 13,42% (5) VERKOOP 14,69% (6) SERVICE 23,11%

TOEWIJZING WERKNEMERS

(1) CORPORATE CENTERS 0,56% (2) GLOBAL SHARED SERVICES (HR, ICS, PURCHASING,...) 5,53% (3) AGFA GRAPHICS 33,64% (4) AGFA HEALTHCARE 41,18% (5) AGFA SPECIALTY PRODUCTS 19,09%

EUROPA

LATIJNS-AMERIKA

NAFTA

AANTAL WERKNEMERS EEN TOTAAL VAN 10.951 IN 2015 OF 10.565,7 VOLTIJDS EQUIVALENTEN

761 NIEUWE MEDEWERKERS VERVOEGDEN AGFA IN 2015

PERCENTAGE MANNELIJKE/ VROUWELIJKE MEDEWERKERS

78,3% 21,7%

66% VAN ALLE WERKNEMERS VOLGDEN MINSTENS 1 OPLEIDING IN 2015

1.019 MEDEWERKERS VERLIETEN DE ONDERNEMING IN 2015

PERCENTAGE VROUWELIJKE/ MANNELIJKE MEDEWERKERS IN MANAGEMENTFUNCTIES

DE AGFA-GEVAERT GROEP TELT 79 NATIONALITEITEN DE TOP 5 BESTAAT UIT

1 - BELGISCH 3.186 WERKNEMERS

2 - DUITS 1.134 MEDEWERKERS

3 - AMERIKAANS 1.081 MEDEWERKERS

4 - FRANS 671 MEDEWERKERS

5 - CHINEES 437 MEDEWERKERS

AZIË OCEANIË AFRIKA

Jaarverslag van de Raad van Bestuur aan de Aandeelhouders van Agfa-Gevaert NV

07

De Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert NV heeft de eer u het gecombineerde jaarverslag over het boekjaar dat eindigde op 31 december 2015, in overeenstemming met de artikels 96 en 119 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen, voor te stellen. Dit jaarverslag bevat een corporate governance verklaring en een remuneratieverslag.

32 - Agfa-Gevaert l Jaarverslag 2015

07

AANDEEL IN DE GROEPSOPBRENGSTEN 2015 PER BUSINESSGROEP

AANDEEL IN DE GROEPSOPBRENGSTEN 2015 PER REGIO

Commentaar bij de geconsolideerde jaarrekening

Opbrengsten

De omzet van de Agfa-Gevaert Groep groeide met 1,0% tot 2.646 miljoen euro (2.620 miljoen euro in 2014). Deze omzetstijging werd ondersteund door de goede prestaties van de meeste van de groeimotoren (inclusief de inkjetbusiness van de businessgroep Agfa Graphics en de Direct Radiographyen IT-systemen van de businessgroep Agfa HealthCare) en door gunstigere wisselkoersen. Negatieve elementen waren de voortdurende achteruitgang van de traditionele filmactiviteiten, de economische zwakte in verscheidene opkomende markten en de onstabiele geopolitieke situatie.

Agfa Graphics omzet groeide met 0,2% tot 1.358 miljoen euro (1.355 miljoen euro in 2014). Agfa Graphics slaagde er ondanks het zwakke economische klimaat in de opkomende markten en de politieke instabiliteit in bepaalde regio's in om de neerwaartse omzettrend om te buigen. De omzet werd ondersteund door positieve wisselkoerseffecten en door de groei met dubbele cijfers van het inkjetsegment. In dat segment kwam de groei vooral van de succesvolle introductie van de nieuwe generatie grootformaatprinters en van de aanzienlijk hogere inktvolumes. De sterke concurrentiedruk in de offsetmarkten bleef wegen op de digitale computer-to-plate-business van het drukvoorbereidingsegment. Desondanks begon de volumetrend in de CtPbusiness tegen het einde van het jaar te verbeteren. De analoge computer-tofilm-business bleef sterk achteruitgaan.

Ondersteund door zijn groeimotoren en door positieve wisselkoerseffecten, boekte Agfa HealthCare een omzet van 1.099 miljoen euro, een groei van 2,8% in vergelijking met 2014 (1.069 miljoen euro). In de digitale radiografiebusiness (bestaande uit Computed Radiography, Direct Radiography en hardcopy) van het Imaging-segment boekte het DR-productassortiment een sterke omzetgroei. Het gamma hardcopy filmproducten presteerde goed in de eerste drie kwartalen van het jaar. In het vierde kwartaal werd deze business beïnvloed door Agfa HealthCare's maatregelen om het voorraadbeleid op het niveau van de distributeurs in overeenstemming te brengen met de economische situatie in de opkomende markten in het algemeen en China en Latijns-Amerika in het bijzonder.

In het IT-segment presteerde het HealthCare Information Solutions-gamma goed. Op het vlak van Imaging IT Solutions geraakt de marktintroductie van het nieuwe Enterprise Imaging-platform in een stroomversnelling, vooral in Noord-Amerika en Europa.

(1) Voor reorganisatiekosten en niet-recurente resultaten

WINST UIT DE BEDRIJFSACTIVITEITEN (MILJOEN EURO)

RESULTAAT OVER DE PERIODE (MILJOEN EURO)

De omzet van Agfa Specialty Products bedroeg 189 miljoen euro (2014: 197 miljoen euro). De goede prestaties van de toekomstgerichte activiteiten, zoals Orgacon Electronic Materials en Synaps Synthetic Paper, alsook de materialen voor de productie van gedrukte schakelingen, konden de achteruitgang van de traditionele filmactiviteiten gedeeltelijk compenseren.

Met 51,3% van de omzet blijft Agfa Graphics de grootste businessgroep. Agfa HealthCare zorgt voor 41,5% en Agfa Specialty Products voor 7,2% van de Groepsomzet.

In 2015 werd 39,2% van de Groepsomzet in Europa geboekt (2014: 40,1%). NAFTA stond in voor 26,4% (2014: 24,7%), Azië/Oceanië/Afrika voor 26,5% (2014: 26,0%) en Latijns-Amerika voor 7,9% (2014: 9,2%).

Resultaten

Gerichte efficiëntieprogramma's konden de ongunstige grondstofeffecten (die vooral een invloed hadden op de businessgroep Agfa Graphics) meer dan compenseren. Daardoor verbeterde de brutowinstmarge van 30,8% van de omzet in 2014 tot 31,9% in 2015.

Omdat de structurele efficiëntiemaatregelen de concurrentiedrukeffecten en de ongunstige grondstofeffecten konden tenietdoen, bleef de brutowinstmarge van Agfa Graphics stabiel op 28,3% van de omzet. De recurrente EBITDA bedroeg 94,7 miljoen euro (7,0% van de omzet), tegenover 100,4 miljoen euro (7,4% van de omzet) in 2014. De recurrente EBIT kwam in 2015 uit op 65,3 miljoen euro (4,8% van de omzet, tegenover 70,0 miljoen euro (5,2% van de omzet).

Vooral door het succes van de efficiëntieprogramma's verbeterde de brutowinstmarge van Agfa HealthCare van 36,6% van de omzet in 2014 tot 37,9% in 2015. De recurrente EBITDA verbeterde van 114,4 miljoen euro (10,7% van de omzet) in 2014 tot 134,0 miljoen euro (12,2% van de omzet) in 2015. De recurrente EBIT steeg van 79,4 miljoen euro (7,4% van de omzet) tot 107,4 miljoen euro (9,8% van de omzet).

De recurrente EBITDA van Agfa Specialty Products kwam uit op 16,7 miljoen euro (8,8% van de omzet). De recurrente EBIT steeg tot 12,7 miljoen euro (6,7% van de omzet).

De verkoop- en algemene beheerskosten bleven nagenoeg stabiel op 19,7% van de omzet.

De O&O-kosten bedroegen in 2015 144 miljoen euro of 5,4% van de omzet.

De recurrente EBITDA (de som van Graphics, HealthCare, Specialty Products en het niet-toegewezen deel) bedroeg 9,1% van de omzet tegenover 8,5% in 2014. De recurrente EBIT verbeterde met een procentpunt tot 6,8% van de omzet.

De reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten kwamen uit op een kost van 19 miljoen euro, tegenover 16 miljoen euro in 2014.

De nettofinancieringskosten bedroegen 74 miljoen euro, tegenover 59 miljoen euro in 2014. Een belangrijk deel hiervan – ongeveer 20 miljoen euro – heeft te maken met een herklassering uit de post valutakoersverschillen naar de winst- en verliesrekening. Deze herklassering vond plaats in het vierde kwartaal. Ze was het gevolg van de sluiting van twee productievestigingen. Ze heeft geen impact op de kasstromen.

De belastingskost bedroeg 16 miljoen euro, tegenover een kost van 18 miljoen euro in het voorgaande jaar.

De winst uit bedrijfsactiviteiten steeg van 136 miljoen euro in 2014 tot 161 miljoen euro in 2015. De winst voor belastingen bedroeg dus 87 miljoen euro in 2015 (77 miljoen euro in 2014).

Als gevolg van de bovenvermelde elementen boekte de Agfa-Gevaert Groep een sterke nettowinst van 71 miljoen euro in 2015 tegenover 59 miljoen euro in 2014, een stijging met 20,3%.

Balans

Aan het eind van het jaar bedroegen de totale activa 2.402 miljoen euro, tegenover 2.548 miljoen euro eind 2014.

Werkkapitaal

De voorraden bedroegen 512 miljoen euro (of 102 dagen). De handelsvorderingen (min de uitgestelde omzet en vooruitbetalingen) bedroegen 374 miljoen euro (50 dagen) en de handelsschulden 206 miljoen euro (41 dagen).

Financiële schuld

De netto financiële schuld daalde opnieuw tot een historisch laag peil van 58 miljoen euro, tegenover 126 miljoen euro aan het eind van 2014. Eind 2015 bedroeg de gearing ratio van de Groep 22% tegenover 86% eind 2014.

Pensioenverplichtingen

In 2015 daalden de nettopensioenverplichtingen voor de materiële landen met 61 miljoen euro, voornamelijk ten gevolge van een lagere discontovoet en een waardestijging van plan assets.

Eigen vermogen

Het eigen vermogen bedroeg 268 miljoen euro, tegenover 146 miljoen euro eind 2014.

Kasstroom

De nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten, die ook rekening houden met veranderingen in het werkkapitaal, bedroegen in 2015 149 miljoen euro.

De investeringsuitgaven kwamen uit op 37 miljoen euro.

Conclusie

Hoewel 2015 gekenmerkt werd door een verdere economische vertraging in verscheidene groeimarkten, slaagde Agfa erin om de omzeterosie een halt toe te roepen. De omzetgroei werd gesteund door de zwakkere euro, maar ook door de goede prestaties van de groeimotoren, waaronder Agfa Graphics' inkjetactiviteiten en Agfa HealthCare's Direct Radiography- en IT-systemen. Bovendien realiseerde de Groep ook zijn andere doelstellingen. Vooral dankzij de verbetering van onze brutowinstmarge, kon Agfa de recurrente EBITDA-marge dichter bij de 10% van de omzet brengen. Agfa zal hierop voortbouwen om de 10%-doelstelling te halen die het zich voor 2016 vooropgesteld heeft. De operationele verbeteringen en het succes van onze efficiëntieprogramma's droegen bij tot de verbetering van de rendabiliteit. Daardoor werd voor het derde opeenvolgende jaar een positief nettoresultaat geboekt. Samen met het strikte beheer van het werkkapitaal, leidde de nettowinst tot een positieve kasstroom en een sterke daling van de netto financiële schuld. Deze resultaten versterkt het geloof dat de Onderneming nu klaar is om de volgende jaren een rendabele groei te realiseren.

De Agfa-Gevaert Groep heeft voor 2016 twee duidelijke doelstellingen vooropgesteld.

Ten eerste streeft de Groep naar een EBITDA-percentage van 10% van de omzet. Ondanks de instabiele geopolitieke omstandigheden en de voortdurende economische groeivertraging in verscheidene belangrijke groeimarkten, is de tweede doelstelling het halen van verdere omzetgroei. Op basis van het succes van de groeimotoren en van doelgerichte overnames, verwacht de Groep dat het de jaaromzet op middellange termijn kan doen groeien tot 3 miljard euro.

Commentaar bij de jaarrekening van Agfa-Gevaert NV

De jaarrekening zoals ze zal worden voorgelegd aan de Algemene Vergadering van 10 mei 2016, werd door de Raad van Bestuur aan de waarderingsregels getoetst en in die vorm goedgekeurd.

Aan de Algemene Vergadering zullen de hierna volgende punten in het bijzonder ter goedkeuring worden voorgelegd: de jaarrekening sluit met een te bestemmen verlies voor het boekjaar 2015 van 15.197.439,46 euro.

Er wordt voorgesteld om dit verlies als volgt toe te wijzen: een vermindering van het overgedragen resultaat met 15.197.439,46 euro. Hierdoor bedraagt het overgedragen resultaat 369.841.504,93 euro.

De Raad van Bestuur stelt vast uit de resultatenrekening dat de vennootschap in twee opeenvolgende jaren een verlies heeft geleden. Artikel 96, 6° van het Wetboek van Vennootschappen vereist dat de Raad van Bestuur de waarderingsregels in de veronderstelling van continuïteit verantwoordt. Aangezien echter de continuïteit van een houdstervennootschap, zoals Agfa-Gevaert NV, in hoofdzaak afhankelijk is van deze van de geconsolideerde groep in haar geheel verwijst de Raad van Bestuur naar de verdere daling van de netto financiële schuld op groepsniveau ten gevolge van een sterke netto operationele kasstroom gerealiseerd tijdens 2015 alsook de niet-opgenomen beschikbare kredietfaciliteiten op balansdatum. Bovendien is de Groep er in geslaagd om de omzet in 2015 opnieuw te doen toenemen en de recurrente EBITDA op Groepsniveau dicht bij 10% van de geconsolideerde omzet te brengen.

Toelichtingen bij de belangrijkste posten van de jaarrekening

In 2015 realiseerde de vennootschap een omzet van 494,0 miljoen euro. Dit is tegenover de omzet van 2014 (509,5 miljoen euro) een daling met 3,0%. Deze daling wordt voornamelijk verklaard door een daling van de prijzen (-2,5%), een volume/mix daling (-5,8%) en een positief wisselkoersverschil (+5,3%).

De bedrijfswinst bedraagt voor 2015 59,6 miljoen euro. Dit is een verhoging tegenover 2014 met 30,4 miljoen euro. Dit is het gevolg van een verbeterde brutomarge (lagere bedrijfskosten) die de daling in omzet meer dan compenseert.

Het financieel resultaat is 19,3 miljoen hoger dan in 2014. De winst uit de gewone bedrijfsuitoefening voor belasting groeide daardoor tegenover 2014 met 49,7 miljoen euro (2015: +3,0 miljoen euro tegenover 2014: -46,7 miljoen euro).

Door een ongunstiger uitzonderlijk resultaat (-17,1 miljoen euro verschil tegenover 2014) en door een verschil in belastingkost (-2,4 miljoen euro tegenover 2014) is het resultaat van het boekjaar in 2015 30,2 miljoen euro hoger dan in 2014 (2015: -15,4 miljoen euro tegenover 2014: -45,6 miljoen euro).

De vennootschap besteedde in België in 2015 12,8 miljoen euro aan onderzoek en ontwikkeling.

In 2015 is het personeelsaantal van Agfa-Gevaert NV in België met 23 eenheden gedaald tot 2.233 personeelsleden per 31 december 2015. Deze daling is de resultante van de aanwerving van 63 medewerkers, terwijl 86 medewerkers het bedrijf verlieten.

De vaste inrichting van de vennootschap in het Verenigd Koninkrijk boekte in 2015 een verlies van 5,8 miljoen euro.

Agfa Graphics

Agfa Graphics heeft tot doel om de voornaamste leverancier te zijn van geïntegreerde drukvoorbereidingssystemen voor commerciële en krantendrukkerijen en om een toonaangevende leverancier te zijn van digitale systemen voor het drukken van borden en displays en van industrieel drukwerk. Het wil grafische bedrijven in staat stellen om rendabele groei te realiseren en om hun concurrenten voor te blijven. Agfa Graphics levert geïntegreerde systemen. Deze systemen zijn zowel vernieuwend en betrouwbaar als duurzaam en competitief geprijsd. Ze geven klanten de mogelijkheid om zich op een kostenefficiënte manier aan te passen aan de nieuwe eisen van de markt. Het aanbod van Agfa Graphics omvat verbruiksgoederen, apparatuur, software en diensten. Het combineert eigen technologieën en knowhow met die van toonaangevende producenten. 08

08

MILJOEN EURO 2015 2014 % evolutie
Opbrengsten 1.358 1.355 0,2%
Recurrente EBITDA (1) 94,7 100,4 -5,7%
% van de omzet 7,0% 7,4%
Recurrente EBIT (1) 65,3 70,0 -6,7%
% van de omzet 4,8% 5,2%
Resultaten uit bedrijfsactiviteiten 55,8 55,1 1,3%

(1) Voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten.

Agfa Graphics in 2015

In 2015 groeide Agfa Graphics' omzet licht met 0,2% tot 1.358 miljoen euro.

De businessgroep slaagde er ondanks het zwakke economische klimaat in de opkomende markten en de politieke instabiliteit in bepaalde regio's in om de neerwaartse omzettrend om te buigen. De omzet werd ondersteund door positieve wisselkoerseffecten en door de groei met dubbele cijfers van het inkjetsegment. In dat segment kwam de groei vooral van de succesvolle introductie van de nieuwe generatie grootformaatprinters en van de aanzienlijk hogere inktvolumes. De sterke concurrentiedruk in de offsetmarkten bleef wegen op de digitale computer-to-platebusiness (CtP) van het drukvoorbereidingsegment. Desondanks begon de volumetrend in de CtP-business tegen het einde van het jaar te verbeteren. De analoge computer-to-film-business (CtF) bleef sterk achteruitgaan.

Omdat de structurele efficiëntiemaatregelen de

concurrentiedrukeffecten en de ongunstige grondstofeffecten konden tenietdoen, bleef de brutowinstmarge van Agfa Graphics stabiel op 28,3% van de omzet.

De recurrente EBITDA bedroeg 94,7 miljoen euro (7,0% van de omzet), tegenover 100,4 miljoen euro (7,4% van de omzet) in 2014. De recurrente EBIT kwam uit op 65,3 miljoen euro (4,8% van de omzet, tegenover 70,0 miljoen euro (5,2%van de omzet).

Betrouwbare partner voor professionele drukkers

Agfa Graphics is een toonaangevende leverancier van geïntegreerde drukvoorbereidingsystemen en geavanceerde inkjetsystemen. Overal ter wereld vertrouwen professionele drukkers en uitgevers op de ervaring en uitmuntende technologie van de businessgroep.

Drukvoorbereiding

De term drukvoorbereiding duidt op de processen voorafgaand aan het eigenlijke drukproces. De drukvoorbereidingsactiviteiten beginnen nadat de beslissingen over de layout van het drukwerk genomen zijn en eindigen waar het eigenlijke drukken start. Tijdens deze voorbereidende fases worden teksten en beelden bijeengebracht in een layout, wordt de kwaliteit van kleuren gecontroleerd, worden bladzijden op de juiste plaats gezet en worden digitale drukproeven gemaakt. Na goedkeuring worden deze pagina's klaargemaakt voor het drukproces. Bij offsetdruk worden ze belicht op een drukplaat. Dit gebeurt rechtstreeks met computer-to-plate-technologie (CtP), of via het tussenmedium film, met computer-to-film-technologie (CtF). Hierna wordt de belichte drukplaat op de drukpers gemonteerd. Drukkers vertrouwen op Agfa Graphics' apparatuur, verbruiksgoederen (zoals grafische film en drukplaten), software en diensten voor bijna elke stap in het voorbereidende proces. De softwarepakketten van de businessgroep bevatten workflowsoftware, op de cloud gebaseerde web-to-printoplossingen, technologie voor het maken van digitale proefdrukken en voor het rasteren van bestanden, alsook tools die zorgen voor consistentie in kleur en kwaliteit. Software is een sleutelonderdeel van de totale oplossing die aan de drukkers wordt aangeboden. De softwaresystemen automatiseren het drukvoorbereidingsproces, garanderen een betere kwaliteit en verhogen de kostenefficiëntie. Hoewel Agfa Graphics' drukvoorbereidingsystemen vooral gericht zijn op het informatiedruksegment van de grafische industrie, levert de businessgroep ook drukvoorbereidingstechnologie aan klanten die gespecialiseerd zijn in offset- en flexodruk voor verpakkingstoepassingen.

Agfa Graphics' drukvoorbereidingtechnologie wordt door meer dan 100.000 commerciële drukkerijen gebruikt. Bovendien wordt wereldwijd de helft van de kranten geproduceerd met technologie van Agfa Graphics. De businessgroep levert wereldwijd bijna een derde van alle digitale drukplaten. Het is de duidelijke marktleider op het vlak van milieuvriendelijke chemievrije drukplaten. Voorts is Agfa Graphics een van de weinige nog overgebleven leveranciers van CtF-film.

Inkjet

De meeste mensen associëren de term 'inkjet' met de printers die ze dagelijks thuis en op kantoor gebruiken. Dat is echter niet de doelmarkt van Agfa Graphics. De businessgroep levert ultramoderne grootformaatinkjetmachines, UV-inkten en media. Drukkers van borden en displays en klanten gespecialiseerd in industriële druktoepassingen gebruiken de oplossingen van Agfa Graphics om te drukken op verschillende substraten voor een steeds groeiende verscheidenheid aan toepassingen, zoals borden, posters en displays, promotiemateriaal, verpakking en decoratie. Inkjet is nu het belangrijkste alternatief voor zeefdruk- en flexodruktechnologie. Voor het drukken van borden, displays en bepaalde decoratieve toepassingen kan grootformaat-inkjet zelfs oplossingen bieden die geen conventioneel alternatief hebben.

Commerciële successen

Ook in 2015 konden Agfa Graphics' vernieuwende drukvoorbereiding- en inkjetsystemen opnieuw talrijke nieuwe klanten over de hele wereld overtuigen.

Drukvoorbereiding

In het commerciële druksegment kon Agfa Graphics zijn positie als technologie- en marktleider voor chemievrije computer-to-platetechnologie (CtP) bevestigen.

Om hun ecologische voetafdruk te verkleinen, bestellen klanten vaak volledige drukvoorbereidingsystemen van Agfa Graphics, bestaande uit ultramoderne Avalon-plaatbelichters, Apogeesoftware en verbruiksgoederen. Een centrale plaats in deze oplossingen is weggelegd voor het Azura-gamma van chemievrije drukplaten. Op de IGAS-vakbeurs (Tokio, Japan) sloot Agfa Graphics zijn campagne 'Ten Years of Azura' af, waarmee de

tiende verjaardag van de Azura-technologie gevierd werd. Tijdens deze 12 maanden durende campagne werden Azura-gebruikers van landen over de hele wereld – waaronder Korea, Hongkong, Rusland, Dubai, Zuid-Afrika, het VK, de VS, Canada, Chili en Brazilië – in de schijnwerpers gezet. In zijn tienjarig bestaan is Azura de meest gebruikte chemievrije drukplaat ter wereld geworden.

Voorts bleef Agfa Graphics ook op het vlak van workflowsoftware zijn klantenbestand uitbreiden. Op het einde van het jaar waren wereldwijd meer dan 8.000 Apogee-systemen geïnstalleerd.

In 2015 werden in het commerciële marktsegment opvallende drukvoorbereidingscontracten getekend met onder meer Albe de Coker (België), Stephens & George (VK), Sattler Media Press (Duitsland), Bluemedia (Duitsland), Daeryuk Can (Zuid-Korea), Gulf News (Verenigde Arabische Emiraten), Caxton (Zuid-Afrika), Impresos Especificos (Mexico), Nexo Industria Gráfica (Argentinië) en Impresora Polo (Uruguay).

Ook in het krantensegment van de grafische industrie ontdekken steeds meer drukkers de voordelen van milieuvriendelijke drukvoorbereidingtechnologie. Chemievrije CtP-systemen stellen hen in staat om hun impact op het milieu te verkleinen, maar ook om efficiënter te werken en om hun kosten te drukken. Net zoals in het commerciële segment geeft Agfa Graphics de toon aan. Sinds de introductie van de N94-VCFdrukplaat in 2011 is al meer dan 70% van Agfa Graphics' klanten in het krantensegment overgestapt op chemievrije technologie.

Agfa Graphics is ook wereldleider op het vlak van workflowsoftware voor de automatisering van de productie van gedrukte kranten. Uitgevers kunnen deze workflowsystemen ter plekke in de drukvoorbereidingsafdeling bedienen, maar Agfa Graphics biedt ze ook aan als 'cloud'-oplossing.

Een van de meest omvangrijke krantencontracten van 2015 werd getekend met de Südwestdeutsche Medienholding, een van de grootste mediabedrijven in Duitsland. Het bedrijf besliste om drie van zijn productievestigingen te upgraden met Agfa Graphics' Advantage-plaatbelichters, Attiro clean-out units, chemievrije drukplaten en Arkitex-workflowsoftware.

Andere belangrijke krantengroepen die Agfa Graphics kozen voor hun drukvoorbereiding, waren ondermeer Nikkei (Japan), Editorial Prensa Ibérica (Spanje), Maeil Business Newspaper (Zuid-Korea), GrupoSinos (Brazilië), InfoGlobo (Brazilië) en Editorial Rio Negro (Argentinië).

Inkjet

De Anapurna- en Jeti-grootformaatprinters en de daaraan verbonden inktenportfolio bleven overal ter wereld drukkers van borden en dispays overtuigen van hun uitstekende drukkwaliteit en hoge productiesnelheden. Het Asanti-workflowsysteem – dat de activiteiten stroomlijnt en kleurenconsistentie garandeert – wordt door klanten van Agfa Graphics vaak genoemd als belangrijk voordeel tegenover concurrenten.

In het lagere en het middensegment van de sign & display-markt bleef het aantal geïnstalleerde Anapurna-grootformaatprinters gestaag groeien. Ook de op het midden- en topsegment van

de markt gerichte Jeti-printers bleven erg succesvol. De nieuwe paradepaardjes van het Jeti-gamma zijn de Jeti Tauro- en Jeti Mira-printers. Onmiddellijk na hun introductie in het eerste kwartaal van 2015 vonden beide machines hun weg naar talrijke klanten over de hele wereld. Twee van de eerste gebruikers van de Jeti Tauro waren het Franse bedrijf PVP en het Duitse bedrijf Comdatek. De eerste bestelling voor een Jeti Mira-machine kwam van het Australische bedrijf Longbeach Printing. Vaak beslissen nieuwe en bestaande klanten om hun printer te combineren met een snijen afwerkplottor van het type Acorta en met Asanti-workflowsoftware. Een goed voorbeeld is het contract dat getekend werd met het Deense bedrijf Scanprint A/S (onderdeel van Stibo Graphics). Scanprint A/S was reeds Agfa-Graphics' grootste klant voor commerciële drukvoorbereiding in Scandinavië. Met de inkjetsystemen van de businessgroep – waaronder een Jeti Tauro-printer, een Acorta-plotter en Asanti-workflowsoftware – opende het bedrijf ook een nieuwe afdeling voor de productie van grootformaatdrukwerk.

Eind 2015 waren er wereldwijd meer dan 3.000 Anapurna- en Jeti-printers geïnstalleerd.

Naast zijn systemen voor sign & display-klanten levert Agfa Graphics ook een uniek gamma performante UV-inkten voor uiteenlopende industriële toepassingen. Het aantal systeemintegratoren, OEM-klanten en andere producenten die gebruik maken van Agfa Graphics' inkten bleef in 2015 gestaag toenemen.

Agfa HealthCare

09

Agfa HealthCare gebruikt nieuwe technologieën en traditionele kennis om oplossingen te creëren die voldoen aan de steeds evoluerende behoeftes van zorgorganisaties. Zijn systemen voor medische beeldvorming geven zorgverstrekkers nieuwe inzichten. Zijn IT-oplossingen overstijgen de grenzen van individuele ziekenhuizen en vormen regionale netwerken. Agfa HealthCare bouwt voort op zijn grondige kennis over beeldvormingstechnologie en klinische behoeftes om professionals in de zorgsector te voorzien van betaalbare oplossingen. Door hen te steunen bij hun overgang van analoge naar digitale technologie en door alle belanghebbenden in de gezondheidszorgsector naadloos met elkaar te verbinden, helpt Agfa HealthCare zijn klanten om de kwaliteit en de efficiëntie van hun patiëntenzorg te verbeteren. Zo blinkt Agfa HealthCare uit in de zorgsector. 09

MILJOEN EURO 2015 2014 % evolutie
Opbrengsten 1.099 1.069 2,8%
Recurrente EBITDA (1) 134,0 114,4 17,1%
% van de omzet 12,2% 10,7%
Recurrente EBIT (1) 107,4 79,4 35,3%
% van de omzet 9,8% 7,4%
Resultaten uit bedrijfsactiviteiten 97,5 71,5 36,4%

(1) Voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten.

Agfa HealthCare in 2015

Ondersteund door zijn groeimotoren en door positieve wisselkoerseffecten boekte Agfa HealthCare in 2015 een omzetgroei van 2,8%. In de digitale radiografiebusiness (bestaande uit Computed Radiography, Direct Radiography en hardcopy) van het beeldvormingsegment boekte het DRproductassortiment een sterke omzetgroei. Het gamma hardcopy filmproducten presteerde goed in de eerste drie kwartalen van het jaar. In het vierde kwartaal werd deze business beïnvloed door Agfa HealthCare's maatregelen om het voorraadbeleid op het niveau van de distributeurs in overeenstemming te brengen met de economische situatie in de opkomende markten in het algemeen en China en Latijns-Amerika in het bijzonder. In het IT-segment presteerde het HealthCare Information Solutionsgamma goed. Op het vlak van Imaging IT Solutions geraakt de marktintroductie van het nieuwe Enterprise Imaging-platform in een stroomversnelling.

Vooral door het succes van de efficiëntieprogramma's verbeterde de brutowinstmarge van Agfa HealthCare van 36,6% van de omzet in 2014 tot 37,9%. De recurrente EBITDA verbeterde van 114,4 miljoen euro (10,7% van de omzet) in 2014 tot 134,0 miljoen euro (12,2% van de omzet). De recurrente EBIT steeg van 79,4 miljoen euro (7,4% van de omzet) tot 107,4 miljoen euro (9,8% van de omzet).

Expert in medische beeldvorming en IT

Agfa HealthCare is een wereldwijde leverancier van systemen voor diagnostische beeldvorming en van IT-systemen voor de gezondheidszorg. De businessgroep ondersteunt ziekenhuizen en andere zorgcentra met producten en systemen voor het vastleggen, beheren en verwerken van diagnostische beelden en gegevens, alsook met oplossingen voor het stroomlijnen en beheren van de algemene klinische en administratieve informatie. Over de hele wereld rekenen clinici op Agfa HealthCare voor steun bij het aanpakken van de uitdagingen van de hedendaagse gezondheidszorg. De activiteiten van de businessgroep Agfa HealthCare zijn georganiseerd in twee divisies: Beeldvorming en IT.

Beeldvorming

De beeldvormingsdivisie (Imaging) levert traditionele röntgenfilm, hardcopyfilm en -printers, apparatuur voor digitale radiografie, beeldverwerkingssoftware en contrastmedia. De oorsprong van Agfa HealthCare ligt in de traditionele beeldvorming, maar in de hedendaagse zorgsector verliest traditionele röntgenfilm snel terrein aan de digitale radiografie. Door de concurrentie van de diagnose op beeldscherm gaat ook de markt voor hardcopyfilm – waarop digitale beelden afgedrukt worden – achteruit in de VS en in West-Europa. In de opkomende markten blijft dit marktsegment echter groeien.

Naast hardcopyfilm levert Agfa HealthCare ook hardcopyprinters. Deze systemen geven clinici de mogelijkheid om digitale beelden af te drukken die gemaakt zijn met radiografieapparatuur en met andere modaliteiten, zoals CT- en MRI-scanners. Agfa HealthCare's gamma geavanceerde printers bevat zowel kwaliteitsvolle tafelmodellen als netwerkprinters voor grote volumes.

In het segment van de digitale radiografie is Agfa HealthCare actief met technologie voor Computed Radiography (CR) en Direct Radiography (DR). Doordat het compatibel is met traditionele radiografieapparatuur, biedt CR ziekenhuisafdelingen die intensief met beelden werken een betaalbare instap in de digitale beeldvorming. Deze systemen zetten analoge beelden om in digitale bestanden en bieden afdelingen de kans om hun efficiëntie te verbeteren en om hun capaciteit te verhogen. De voorbije jaren heeft Agfa HealthCare tevens een sterk gamma van DR-apparatuur uitgebouwd. DR wordt vaak gekozen door ziekenhuisafdelingen die een hogere capaciteit en de onmiddellijke beschikbaarheid van kwaliteitsvolle digitale beelden eisen. Voorts biedt DR de mogelijkheid om de stralingsdosis te verminderen zonder gevolgen voor de beeldkwaliteit. Veel ziekenhuizen combineren CR en DR om tegemoet te komen aan al hun noden op

het vlak van röntgenonderzoek. Als technologische leider voor beide vakgebieden is Agfa HealthCare als geen ander in staat om zorgcentra die willen investeren in digitale beeldvorming oplossingen op maat aan te bieden.

Alle CR- en DR-systemen van Agfa HealthCare werken met de MUSICA-beeldverwerkingssoftware en het MUSICA-werkstation voor beeldidentificatie en -acquisitie en kwaliteitscontrole. In bepaalde markten levert Agfa HealthCare ook kwaliteitsvolle en kostenefficiënte contrastmedia.

IT

Agfa HealthCare is een toonaangevende speler in de IT-markt met zijn systemen voor beeldvorming (Imaging IT) en zorginformatieoplossingen (Healthcare Information Solutions). Het ultieme doel is alle betrokken partijen in de wereld van de gezondheidszorg naadloos met elkaar te verbinden. Vandaag is IT verantwoordelijk voor 42% van de omzet van de businessgroep.

Imaging IT Solutions

Agfa HealthCare's IT-systemen voor beeldvorming (Imaging IT) staan voor zorgaanbieders overal ter wereld garant voor betrouwbaarheid en efficiëntie. Na de introductie van digitale radiografie in de vroege jaren '90, werd Agfa HealthCare een van de eerste ondernemingen die radiologieafdelingen IT-systemen aanbood voor het efficiënt bewaren, beheren, verwerken en verdelen van digitale medische beelden van diverse beeldvormingsmodaliteiten. Deze Picture Archiving and Communication Systems (PACS) zijn vaak gekoppeld aan gespecialiseerde informatiesystemen, zoals Radiology Information Systems (RIS).

Op basis van zijn ervaring op het vlak van radiologie ontwikkelde Agfa HealthCare een aantal IT-oplossingen voor andere ziekenhuisafdelingen die intensief met medische beelden werken, zoals cardiologie, orthopedie en nucleaire geneeskunde, alsook voor bepaalde gespecialiseerde medische disciplines, zoals vrouwengeneeskunde en digitale pathologie.

Terwijl PACS- en RIS-systemen oorspronkelijk afdelingsgebonden waren, zoeken zorgorganisaties nu Imaging IT-systemen die ervoor zorgen dat alle medisch relevante beelden hun weg vinden naar het elektronisch gezondheidsdossier (Electronic Health Record) van de patiënt. Agfa HealthCare anticipeerde op deze evolutie met zijn 'Enterprise Imaging'-oplossing. Deze oplossing creëert voor elke patiënt een echt beeldvormingsdossier met alle

medische beelden, in welke afdeling of vestiging die ook gemaakt zijn. Omdat het beelden en de daaraan verbonden gegevens onmiddellijk in het hele ziekenhuis, de zorgorganisatie of zelfs in alle medische centra van een regionaal netwerk beschikbaar maakt, zorgt de Enterprise Imagingoplossing voor een snellere diagnose en een betere patiëntenzorg. Met zijn IT-systemen voor radiologieafdelingen heeft Agfa HealthCare een zeer sterke positie in Europa. Het marktaandeel groeit in de VS, Canada, Europa en Latijns-Amerika. Met zijn beeldvormingsystemen die een organisatie of een regio overspannen, heeft Agfa HealthCare wereldwijd een sterke positie.

Healthcare Information Solutions

De grens van de beeldvorming overschrijdend, werpt Agfa HealthCare zich op als een toonaangevende speler in de snel groeiende markt van de ondernemingsbrede IT-systemen. Agfa HealthCare's innovatieve Hospital Information System (HIS)/Clinical Information System (CIS) verbindt medische afdelingen en administratieve ziekenhuisafdelingen in één virtueel netwerk. Het versnelt de diagnose en de behandeling door een onmiddellijke en volledige toegang te bieden tot alle relevante patiëntengegevens – inclusief medische beelden en klinische en administratieve data. Bovendien ondersteunt het de administratie, de facturatie, het inplannen van afspraken en onderzoeken en de financiële rapportering. Het systeem kan dienen als basis voor een volwaardig Electronic Patient Record (EPR). Kortom, het is

ontwikkeld om zorgorganisaties te helpen om hun productiviteit te verhogen, hun zorgverlening te verbeteren en hun kosten te drukken. Agfa HealthCare's stapsgewijze aanpak biedt zorgorganisaties de mogelijkheid om hun HIS/CIS-oplossingen aan hun eigen tempo in te voeren. De verschillende modules kunnen afzonderlijk geïnstalleerd worden op maat van de wensen van de klant.

Het tweede belangrijke systeem in het ondernemingsbrede IT-aanbod van Agfa HealthCare is het 'Hospital Content Management'-systeem. Het geeft zowel grote als kleine ziekenhuizen en zorgcentra de mogelijkheid om al hun documenten op papier en hun elektronische documenten te integreren, waardoor ze een volledig digitaal archief voor patiëntendossiers kunnen creëren. Het systeem verkleint de behoefte aan fysieke archiveringsruimte, vermindert de tijd die nodig is om dossiers op te vragen en verlaagt de kosten die daarmee verbonden zijn.

Commerciële successen

In 2015 sloot Agfa HealthCare talrijke spraakmakende contracten met ziekenhuizen en ziekenhuisgroepen overal ter wereld.

Beeldvorming

Agfa HealthCare breidde het klantenbestand voor zijn toonaangevende digitale radiografiesystemen verder uit. Aan het einde van het jaar waren meer dan 50.000 digitale radiografiesystemen geïnstalleerd in ziekenhuizen, klinieken en zorgcentra over de hele wereld. Al deze systemen werken met de MUSICA-beeldverwerkingssoftware. Agfa HealthCare levert sinds 1993 systemen voor Computed Radiography (CR) en sinds 2009 ook systemen voor Direct Radiography (DR).

Een nieuwe voor drie jaar geldende groepsaankoopovereenkomst werd gesloten met Premier, Inc., een toonaangevende onderneming die streeft naar de verbetering van de gezondheidszorg. Dankzij de overeenkomst kan Agfa HealthCare zijn DR-systemen aanbieden aan de 3.600 ziekenhuizen en 120.000 andere zorginstellingen die bij Premier zijn aangesloten. Voorts sloot Agfa HealthCare een verkoop- en marketingovereenkomst met Hitachi Medical Systems America Inc. Hitachi zal Agfa HealthCare's volledige portfolio van CR- en DR-systemen promoten bij zijn talrijke MRIen CT-klanten in de VS. Dankzij een miljoenencontract zal Agfa HealthCare minstens 50 mobiele DR-systemen installeren in de 34 ziekenhuizen voor spoedgevallen van de toonaangevende ziekenhuisonderneming Prime Healthcare Services. Het Rush University Medical Center (Chicago) bestelde vier DR-systemen.

In het VK won Agfa HealthCare het contract voor de installatie van een aantal CR- en DR-systemen voor de Plymouth Hospitals NHS Trust. Het academisch ziekenhuis Bristol Royal Infirmary verving zijn bestaande CRapparatuur door negen CR-systemen van Agfa HealthCare.

Het Ministerie van Volksgezondheid van Saoedi-Arabië bestelde 29 mobiele DR-systemen. De systemen zullen ingezet worden in ziekenhuizen in de zuidelijke regio van het land. In Jordanië levert Agfa HealthCare 29 CR-systemen en hardcopy-printers voor de digitalisering van de beeldvorming van ziekenhuizen in het hele land. Voorts tekende de businessgroep een contract voor de installatie van 42 volautomatische digitale röntgenkamers in de Indische deelstaat West-Bengalen.

Agfa HealthCare's beeldvormingstechnologie wordt overal ter wereld ook door dierenklinieken gebruikt. Voor het tweede jaar op rij was Agfa HealthCare technisch sponsor van de mobiele paardenkliniek voor de jaarlijkse Longines Global Champions Tour. De 'Horse Ambulance Group' gebruikte Agfa HealthCare's CR- en DR-technologie voor het screenen en onderzoeken van de paarden die deelnamen aan deze reeks prestigieuze springconcoursen.

IT

In 2015 raakten opnieuw talrijke nieuwe klanten overtuigd van de kwaliteiten van Agfa HealthCare's IT-oplossingen, gaande van grote zorgorganisaties met verscheidene vestigingen en regionale zorgorganisaties tot middelgrote ziekenhuizen en kleine beeldvormingscentra.

Imaging IT Solutions

Eind 2015 waren de IT-systemen voor beeldvorming van Agfa HealthCare in gebruik in meer dan 3.000 zorgcentra over de hele wereld.

In 2015 concentreerde Agfa HealthCare zich op de verdere wereldwijde ontplooiing van zijn Enterprise Imaging-oplossing. Sinds de lancering haalde Agfa HealthCare al meer dan 250 nieuwe overeenkomsten binnen voor deze oplossing. Een van de meest opvallende contracten van 2015 werd getekend in Rusland, waar het stedelijk gezondheidszorgdepartement van Moskou Agfa HealthCare's Enterprise Imaging koos als centrale oplossing voor beeldvorming en teleradiologie voor 63 gezondheidszorgvestigingen. In Zweden tekende Agfa HealthCare een raamovereenkomst met Västra Götalandsregionen. De overeenkomst legt de standaardvoorwaarden vast waaronder de 18 ziekenhuizen in de regio Agfa HealthCare's Enterprise Imaging for Radiology-systeem in hun eigen tempo kunnen invoeren. De eerste installatie zal plaatsvinden in het universitaire ziekenhuis Sahlgrenska (Göteborg). Dat is het grootste ziekenhuis in Noord-Europa. In Canada rekent eHealth Ontario – een agentschap van het Ministerie van Volksgezondheid en Langdurige Zorg – op Agfa HealthCare's technologie om er mee voor te zorgen dat medische beelden en rapporten doorheen de hele provincie raadpleegbaar worden. De beslissing heeft betrekking op 28.000 artsen.

Andere voorbeelden van toonaangevende organisaties die in zee gingen met Agfa HealthCare's Enterprise Imaging-technologie zijn Southern Ohio Medical Center (Ohio, VS), Nevada Regional Medical Center (Missouri, VS), Priscilla Chan and Mark Zuckerberg San Francisco General Hospital and Trauma Center (California, VS), Exeter Hospital (New Hampshire, VS), Northwestern Medicine (Illinois, VS), Birmingham Dental Hospital and School of Dentistry (VK), Sheffield Teaching Hospitals NHS Foundation Trust (VK), AZ Sint-Rembert (België) en CHIREC (België).

De oplossing is momenteel in gebruik in 24 landen in Zuid-Amerika, Noord-Amerika, Afrika, Europa en het Midden-Oosten.

In Frankrijk kende GCS Télésanté Lorraine aan Agfa HealthCare – in een consortium met Santeos – het contract voor het Médiale-project toe. Dankzij dit project zullen de in de regio Lorraine gemaakte medische beelden in een regionale databank geïndexeerd worden. Tot nu toe zullen 71 ziekenhuisvestigingen deel uitmaken van het project, dat 95% van de beeldproductie in de regio zal coveren. Nog een belangrijk contract voor beeldvormings-IT werd getekend in Oostenrijk, waar Agfa HealthCare een centraal archief installeert voor de opslag van de medische beelden en de daaraan verbonden gegevens van 21 ziekenhuizen in de regio Neder-Oostenrijk. Voorts zal Agfa HealthCare de RIS- en beeldvormingsinfrastructuur van de Area Vasta Centro-regio in Toscanië (Italië) updaten en upgraden. De regio omvat vijf ziekenhuisgroepen.

Healthcare Information Solutions

In 2015 verstevigde Agfa HealthCare zijn leiderspositie in de Europese markt voor zorginformatiesystemen met zijn Hospital Information Systems (HIS)/Clinical Information Systems (CIS) en zijn systeem voor het beheer van documenten.

Agfa HealthCare bevestigde de dominante positie van zijn HIS/ CIS-oplossing in de Duitstalige landen van Europa. Voorbeelden van zorgorganisaties die in deze regio een HIS/CIS-contract tekenden, zijn de Westpfalz-Klinikum Kaiserslautern, de Missionsärztliche Klinik Würzburg, KPlus Gruppe GmbH in Solingen, de private ziekenhuisgoep Schön in Prien am Chiemsee en het Psychiatrieverbunde St. Gallen.

Voorts werd Agfa HealthCare geselecteerd als één van de goedgekeurde leveranciers in het NHS Shared Business Services' Healthcare Clinical Information Systems Framework. Dit plan versnelt en vereenvoudigt voor zorgaanbieders in het VK het aanbestedingsproces voor de aankoop van gezondheidszorg-IT-systemen.

In Frankrijk werd een belangrijk contract getekend met het Centre hospitalier intercommunal André Grégoire (Montreuil-sous-Bois).

Eind 2015 was de HIS/CIS-oplossing geïnstalleerd in meer dan 1.350 Europese zorgcentra.

Ook het aantal geïnstalleerde systemen voor documentbeheer bleef groeien, met nieuwe installaties in ondermeer Frankrijk, Canada en Brazilië.

De businessgroep Agfa Specialty Products levert klanten in verschillende industriële markten een breed gamma van zowel klassieke filmproducten als vernieuwende producten.

Voor de productie van polymeersubstraten steunt Agfa Specialty Products op de uitgebreide kennis van de Agfa-Gevaert Groep op het vlak van filmproductie en chemische bereidingen.

10

MILJOEN EURO 2015 2014 % evolutie
Opbrengsten 189 197 -4,1%
Recurrente EBITDA (1) 16,7 10,9 53,2%
% van de omzet 8,8% 5,5%
Recurrente EBIT (1) 12,7 6,6 92,4%
% van de omzet 6,7% 3,4%
Resultaten uit bedrijfsactiviteiten 13,3 5,8 129,3%

(1) Voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten.

Agfa Specialty Products in 2015

De omzet van Agfa Specialty Products bedroeg in 2015 189 miljoen euro. De goede prestaties van de toekomstgerichte activiteiten, zoals Orgacon Electronic Materials en Synaps Synthetic Paper, alsook de materialen voor de productie van gedrukte schakelingen, konden de achteruitgang van de traditionele filmactiviteiten gedeeltelijk compenseren.

De recurrente EBITDA van de businessgroep kwam uit op 16,7 miljoen euro (8,8 procent van de omzet). De recurrente EBIT steeg tot 12,7 miljoen euro (6,7 procent van de omzet).

Innovatieve oplossingen voor industriële toepassingen

De activiteiten van Agfa Specialty Products worden ondergebracht in de onderafdelingen Classic Films, Functional Foils en Advanced Coatings & Chemicals. Voorts promoot het Materials Technology Centre een open innovatiecultuur door onderzoeksopdrachten op het vlak van materialen en deklagen uit te voeren voor externe klanten.

Classic Films

Agfa Specialty Products levert traditionele, op film gebaseerde verbruiksgoederen aan beeldvormingsmarkten die niet tot het vakgebied van Agfa Graphics en Agfa HealthCare behoren. In deze markten worden analoge systemen geleidelijk vervangen door digitale alternatieven. In bepaalde segmenten is film echter nog steeds de norm. Film garandeert hoge resoluties, uitstekende beeldkwaliteit en gebruiksgemak, terwijl de omschakeling naar digitale technologie vaak aanzienlijke investeringen vergt. De activiteiten in deze markten worden als volgt onderverdeeld:

Non-Destructive Testing (NDT): Agfa Specialty Products produceert kwaliteitsvolle röntgenfilm voor niet-destructief materiaalonderzoek. Met de film worden ondermeer lasnaden in pijplijnen, stalen structuren en vliegtuigrompen getest. Wanneer Agfa in 2003 zijn NDT-businessgroep aan de General Electric Company (GE) verkocht, tekenden beide partijen een langetermijnovereenkomst waardoor Agfa röntgenfilm aan GE kon blijven leveren. Agfa treedt nu op als de exclusieve producent van GE's NDTröntgenfilm en de daarmee verbonden chemicaliën. In 2015 daalde de vraag naar NDT-film licht door de crisis in de industriële olie- en gasmarkt.

Aerial Photography: In het segment van de luchtfotografie levert Agfa Specialty Products films, chemicaliën, fotopapier en software. Agfa Specialty Products kon in 2015 zijn marktaandeel behouden, maar de omzet daalde door de digitalisering van deze markt.

Microfilm: De microfilm van Agfa Specialty Products staat bekend om zijn hoge gevoeligheid en zijn uitzonderlijke beeldkwaliteit. Door de toenemende digitalisering blijft de traditionele microfilmmarkt krimpen. Agfa Specialty Products ging met Eastman Park Micrographics (EPM) een exclusieve langetermijnovereenkomst aan voor de levering van microfilm. Volgens de overeenkomst produceert Agfa microfilm en daaraan verbonden chemicaliën voor EPM. EPM verdeelt deze producten wereldwijd onder zijn eigen merknaam.

Functional Foils

Functional Foils groepeert Agfa Specialty Products' activiteiten als producent van gespecialiseerde films voor toepassingen op het vlak van Security, Print en andere industrieën.

Security: Door de groeiende aandacht voor veiligheid en identificatie investeren overheden in hightech elektronische IDdocumenten waarvan de authenticiteit snel en efficiënt gecheckt kan worden. Agfa Specialty Products speelt in op de groeiende vraag naar fraudebestendige ID-documenten met een gamma van gespecialiseerde films. Hiermee richt het zich op toepassingen met hoge eisen op het vlak van duurzaamheid en veiligheid, zoals persoonlijke ID-documenten en bank- en kredietkaarten. Deze betrouwbare en duurzame materialen worden op de markt gebracht onder de merknaam PETix. Ze kunnen gecombineerd worden met geavanceerde personalisatie- en beveiligingstechnieken. In 2015 bleven de omzet en de projectverkopen van dit segment stabiel.

Print: Agfa Specialty Products ontwikkelde een gamma synthetische papieren als alternatief voor gecoat papier voor toepassingen met hoge eisen op het vlak van duurzaamheid. De papieren zijn op de

markt onder de merknaam Synaps. Ze vallen op door hun uitzonderlijk korte droogtijd. Bovendien zijn ze bestand tegen water, scheuren en UV-licht. De Synaps-papieren kunnen bedrukt worden met standaardinkten op alle offsetdrukpersen en door printers die werken met droge toner. Synaps is geschikt voor een grote verscheidenheid aan toepassingen, zoals labels, displays voor binnen en buiten, hoogstaand commercieel drukwerk en bepaalde verpakkingssoorten. In 2015 rapporteerde Agfa Specialty Products opnieuw een sterke omzetgroei voor deze activiteiten. Bovendien bleef de businessgroep het dealernetwerk uitbreiden. Zo werd een overeenkomst getekend met Blue Rhine General Trading voor de verdeling van het Synaps-gamma in de Verenigde Arabische Emiraten.

PET-films voor zonnepanelen: Agfa Specialty Products levert een gamma PET-films aan producenten van onderlagen voor zonnepanelen onder de merknaam Arzona.

Industrial Foils: Agfa Specialty Products levert geavanceerde PETfilmonderlagen, chemische materialen en hightech (half-)fabrikaten aan industriële klanten. Deze materialen kunnen op maat van de wensen van de klant gemaakt worden, bijvoorbeeld voor de productie van beeldvormingproducten.

Advanced Coatings & Chemicals

Op basis van zijn kerncompetenties in chemische bereidingen en filmdeklagen ontwikkelt Agfa Specialty Products geavanceerde producten en materialen voor veelbelovende groeimarkten.

Materialen voor gedrukte elektronica: Agfa Specialty Products is een expert op het vlak van geleidende polymeren die gebruikt worden in antistatische lagen voor filmen en componenten. Gebaseerd op deze producten, ontwikkelde Agfa zijn Orgacongamma van drukinkten, pasta's en emulsies voor gebruik in elektronische apparaten en in toepassingen als capacitieve sensoren, aanraakschermen en membraanschakelaars. In 2014 introduceerde Agfa Specialty Products zijn vernieuwende nanozilverinkten voor de productie van gedrukte elektronica. Typische toepassingen zijn RFID-antennes, maar ze kunnen ook worden gebruikt in sensoren en aanraakschermen. Voortbouwend op de trend van de voorbije jaren, kende de Orgacon-productlijn ook in 2015 een sterke omzetgroei.

Phototooling: Agfa Specialty Products is een belangrijke producent van film voor de productie van gedrukte schakelingen (Printed Circuit Boards – PCB) voor de elektronica-industrie. Elektronicaproducenten gebruiken de film om de extreem fijne geleidende circuits op de gedrukte schakelingen te registreren.

Omdat inkjet beschouwd wordt als een veelbelovende technologie voor PCB-productie, richt Agfa Specialty Products zijn O&O-inspanningen op de ontwikkeling van inkjetinkten voor PCB-toepassingen. In november 2015 tekende Agfa Specialty Products twee samenwerkingsovereenkomsten op dit vlak. Ten eerste ging de businessgroep in zee met MGI Digital Technology voor de ontwikkeling en de marktintroductie van het eerste industriële inkjetsysteem voor de markt van de gedrukte elektronica. Ten tweede sloot Agfa Specialty Products een overeenkomst met Electra Polymers voor de ontwikkeling van soldeermaskertechnologie op basis van inkjet.

Membranen: In samenwerking met de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) ontwikkelde Agfa Specialty Products vlakke membranen voor de productie van waterstof. Zirfon Perl is een kwaliteitsvol en duurzaam membraan voor systemen op basis van alkaline waterelektrolyse.

Financieel Verslag

VERKLARING OVER HET GETROUWE BEELD IN OVEREENSTEMMING MET HET KONINKLIJK BESLUIT VAN 14 NOVEMBER 2007

11

De Raad van Bestuur en het Executive Management van Agfa-Gevaert NV, vertegenwoordigd door de heer Julien De Wilde, Voorzitter van de Raad van Bestuur, de heer Christian Reinaudo, President en Chief Executive Officer, en de heer Kris Hoornaert, Chief Financial Officer, verklaren hierbij dat, voor zover hen bekend,

  • • de geconsolideerde jaarrekening, opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS), een getrouw beeld geeft van het vermogen, van de financiële toestand en van de resultaten van de Vennootschap en haar geconsolideerde dochterondernemingen;
  • • het jaarverslag een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en de resultaten van de Vennootschap en haar geconsolideerde dochterondernemingen, evenals een beschrijving van de voornaamste risico's en onzekerheden waarmee zij geconfronteerd worden.

11

De toelichtingen maken integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.

AGFA-GEVAERT GROEP GECONSOLIDEERDE WINST- EN VERLIESREKENING

MILJOEN EURO Toelichting 2015 2014
Opbrengsten 5 2.646 2.620
Kostprijs van de verkopen (1.804) (1.813)
Brutowinst 842 807
Verkoopkosten (352) (336)
Kosten van onderzoek en ontwikkeling (144) (146)
Algemene beheerskosten (170) (172)
Overige bedrijfsopbrengsten 9 110 90
Overige bedrijfskosten 10 (125) (107)
Winst uit bedrijfsactiviteiten 5 161 136
Financieringsbaten (-kosten) - netto (11) (15)
Financieringsbaten 11 2 2
Financieringskosten 11 (13) (17)
Overige financieringsbaten (-kosten) - netto (63) (44)
Overige financieringsbaten 11 14 8
Overige financieringskosten 11 (77) (52)
Nettofinancieringslasten (74) (59)
Winst (verlies) voor belastingen 87 77
Winstbelastingen 12 (16) (18)
Winst (verlies) over het boekjaar 71 59
Winst (verlies) toewijsbaar aan:
Aandeelhouders van de Onderneming 62 50
Minderheidsbelangen 9 9
Winst per aandeel (euro)
Gewone winst per aandeel (euro) 31 0,37 0,30
Verwaterde winst per aandeel (euro) 31 0,37 0,30

AGFA-GEVAERT GROEP - GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN

MILJOEN EURO Toelichting 2015 2014
Winst (verlies) over het boekjaar 71 59
Niet-gerealiseerde resultaten, na winstbelastingen
Niet-gerealiseerde resultaten die geherklasseerd zijn naar de winst-en verliesrekening of
in een volgende periode kunnen geherklasseerd worden naar de winst-en verliesrekening:
Valutakoersverschillen 10 18
Valutakoersverschillen voor buitenlandse activiteiten 22.9 1 30
Valutakoersverschillen die zijn overgeboekt naar de winst-en verliesrekening naar aanleiding
van de afstoting van een buitenlandse activiteit
22.6 20 -
Nettowinst (verlies) op de afdekking van de netto-investering in een buitenlandse activiteit 22.9 (11) (12)
Winstbelasting op de nettowinst (verlies) op de afdekking van
de netto-investering in een buitenlandse activiteit
- -
Kasstroomafdekkingen (3) (1)
Effectief deel van veranderingen in de reële waarde van kasstroomafdekkingen 7.1.4/7.1.8 (27) (14)
Nettoverandering in de reële waarde van kasstroomafdekkingen
die is overgeboekt naar de winst-en verliesrekening
7.1.4 6 5
Verandering in de reële waarde die is overgeboekt naar
de initiële boekwaarde van het ingedekte actief
7.1.8 18 8
Winstbelastingen - -
Financiële activa beschikbaar voor verkoop 3 -
Reële waardeveranderingen van financiële activa beschikbaar voor verkoop 22.3 3 -
Winstbelastingen - -
Niet-gerealiseerde resultaten die niet geherklasseerd worden naar
de winst-en verliesrekening
64 (293)
Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen 22.5 65 (299)
Winstbelastingen op de herwaardering van de nettoverplichting
uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen
22.5 (1) 6
Niet-gerealiseerde resultaten over het boekjaar, na winstbelastingen 74 (276)
Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten toewijsbaar aan 145 (217)
Aandeelhouders van de Onderneming 135 (232)
Minderheidsbelangen 10 15

AGFA-GEVAERT GROEP GECONSOLIDEERDE BALANS

MILJOEN EURO Toelichting 31 december 2015 31 december 2014
ACTIVA
Vaste activa 1.005 1.039
Immateriële activa en Goodwill 13 622 615
Materiële vaste activa 14 214 234
Geassocieerde deelnemingen 1 1
Financiële activa 15 16 16
Uitgestelde belastingvorderingen 12 152 173
Vlottende activa 1.397 1.509
Voorraden 16 512 512
Handelsvorderingen 7 515 538
Actuele vorderingen uit winstbelastingen 12 64 62
Overige belastingvorderingen 17 26 45
Overige vorderingen 7/18 106 103
Overige activa 19 44 51
Derivaten 7 2 2
Geldmiddelen en kasequivalenten 20 123 196
Vaste activa aangehouden voor verkoop 21 5 -
TOTAAL ACTIVA 2.402 2.548
EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN
Eigen vermogen 22 268 146
Toewijsbaar aan aandeelhouders van de Onderneming 228 93
Maatschappelijk kapitaal 187 187
Uitgiftepremies 210 210
Ingehouden winsten 771 709
Reserves (92) (92)
Valutakoersverschillen (7) (16)
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering (841) (905)
van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen
Toewijsbaar aan minderheidsbelangen 40 53
Langlopende verplichtingen 1.359 1.443
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding 23 1.185 1.267
Overige personeelsbeloningen 23 9 12
Rentedragende verplichtingen 24 137 125
Voorzieningen 25 6 14
Overlopende rekeningen 1 2
Uitgestelde belastingverplichtingen 12 21 23
Kortlopende verplichtingen 775 959
Rentedragende verplichtingen 24 44 197
Voorzieningen 25 81 87
Handelsschulden 7 206 230
Uitgestelde opbrengsten en vooruitbetalingen 26 141 125
Actuele verplichtingen uit winstbelastingen 12 60 61
Overige belastingverplichtingen 17 45 63
Overige te betalen posten 27 46 49
Personeelsbeloningen 23 130 129
Overige verplichtingen 5 4
Derivaten 7 17 14
TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN 2.402 2.548

AGFA-GEVAERT GROEP GECONSOLIDEERD MUTATIEOVERZICHT VAN HET EIGEN VERMOGEN

TOEWIJSBAAR AAN AANDEELHOUDERS VAN DE ONDERNEMING
MILJOEN EURO Toelichting Maatschappelijk kapitaal Uitgiftepremie Ingehouden winsten Eigen aandelen Reële waarde reserve Afdekkingsreserve toegezegdpensioenregelingen
Herwaardering van de netto-
verplichting uit hoofde van
Valutakoersverschillen TOTAAL MINDERHEIDSBELANGEN
TOEWIJSBAAR AAN
TOTAAL EIGEN VERMOGEN
Balans op 1 januari 2014 187 210 664 (82) 1 (10) (617) (28) 325 43 368
Gerealiseerde en niet-gerealiseerde
resultaten over het boekjaar
Winst (verlies) over het boekjaar - - 50 - - - - - 50 9 59
Niet-gerealiseerde resultaten
na winstbelastingen
22.9 - - - - - (1) (293) 12 (282) 6 (276)
Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde
resultaten over het boekjaar
- - 50 - - (1) (293) 12 (232) 15 (217)
Transacties met aandeelhouders, rechtstreeks
verwerkt in het eigen vermogen
Dividenden 22.8 - - - - - - - - - (5) (5)
Totaal van transacties met aandeelhouders,
rechtstreeks verwerkt in het eigen vermogen
- - - - - - - - - (5) (5)
Herklassering van herwaardering van de netto
verplichting uit hoofde van toegezegdpensioen
regelingen die in voorgaande boekjaren erkend
werden in niet-gerealiseerde resultaten
- - (5) - - - 5 - - - -
Balans op 31 december 2014 187 210 709 (82) 1 (11) (905) (16) 93 53 146
Balans op 1 januari 2015 187 210 709 (82) 1 (11) (905) (16) 93 53 146
Gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten
over het boekjaar
Winst (verlies) over het boekjaar - - 62 - - - - - 62 9 71
Niet-gerealiseerde resultaten na winstbelastingen 22.9 - - - - 3 (3) 64 9 73 1 74
Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde
resultaten over het boekjaar
- - 62 - 3 (3) 64 9 135 10 145
Transacties met aandeelhouders, rechtstreeks
verwerkt in het eigen vermogen
Dividenden 22.8 - - - - - - - - - (23) (23)
Totaal van transacties met aandeelhouders,
rechtstreeks verwerkt in het eigen vermogen
- - - - - - - - - (23) (23)
Balans op 31 december 2015 187 210 771 (82) 4 (14) (841) (7) 228 40 268

AGFA-GEVAERT GROEP GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT

MILJOEN EURO Toelichting 2015 2014
Winst (verlies) over het boekjaar 71 59
Aanpassingen voor:
Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen 13/14 61 69
Wijzigingen in de reële waarde van derivaten (2) -
Toegekende subsidies (9) (9)
Verliezen (winsten) uit de realisatie van vaste activa 9/10 (4) (1)
Nettofinancieringslasten 11 74 59
Winstbelastingen 12 16 18
207 195
Wijzigingen in:
Voorraden 5 46
Handelsvorderingen 31 64
Handelsschulden (27) (5)
Uitgestelde opbrengsten en ontvangen vooruitbetalingen 9 (3)
Overige kortlopende activa en verplichtingen 10 (15)
Langlopende voorzieningen (85) (89)
Kortlopende voorzieningen (7) (18)
Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten 143 175
Betaalde belastingen 6 (24)
Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten 149 151
Ontvangen rente 2 2
Ontvangen dividenden - -
Ontvangsten uit de verkoop van immateriële activa 13 2 4
Ontvangsten uit de verkoop van materiële vaste activa 14 7 4
Investeringen in immateriële activa 13 (2) (1)
Investeringen in materiële vaste activa 14 (35) (36)
Ontvangsten uit de lease-portfolio (5) 6
Overnames na aftrek verworven geldmiddelen 6 (7) -
Wijzigingen in overige investeringsactiviteiten 4 (6)
Nettokasstromen uit investeringsactiviteiten (34) (27)
Betaalde rente (18) (17)
Betaalde dividenden aan minderheidsbelangen (25) (5)
Ontvangsten van leningen 68 -
Terugbetalingen van leningen 24 (205) (22)
Overige financieringskasstromen (7) (11)
Nettokasstromen uit financieringsactiviteiten (187) (55)
Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten (72) 69
Geldmiddelen en kasequivalenten bij het begin van het jaar 194 125
Impact van valutakoersverschillen - -
Geldmiddelen en kasequivalenten per einde boekjaar 20 122 194

1. VERSLAGGEVENDE ENTITEIT WAAROVER WORDT GERAPPORTEERD

Agfa-Gevaert NV ('de Onderneming') is een onderneming die in België gedomicilieerd is. Het adres van de statutaire zetel van de Onderneming is Septestraat 27, 2640 Mortsel.

De geconsolideerde jaarrekening van de Groep over 2015 omvat de Onderneming en 101 geconsolideerde dochterondernemingen (2014: 97 geconsolideerde dochterondernemingen) waarover de Onderneming zeggenschap uitoefent. Investeringen in dochterondernemingen en investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode worden opgelijst in toelichting 32.

Minderheidsbelangen houden een materieel belang aan in zeven dochterondernemingen gelegen in Groot-China en de ASEAN-regio. De financiële gegevens van minderheidsbelangen worden toegelicht in toelichting 22.8. In Europa zijn er twee dochterondernemingen waarin minderheidsbelangen een aandeel aanhouden dat van ondergeschikt belang is voor de Groep.

2. VOORSTELLINGSBASIS

2.1 CONFORMITEITSVERKLARING

De geconsolideerde jaarrekening werd opgemaakt in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) van de International Accounting Standards Board (IASB) zoals aangenomen door de Europese Unie op 31 december 2015.

'International Financial Reporting Standards' voor de eerste maal toegepast in 2015

Volgende nieuwe of herziene standaarden van de International Accounting Standards Board welke van toepassing zijn vanaf 1 januari 2015 werden voor de eerste maal toegepast in de geconsolideerde jaarrekening van dit Jaarlijks Financieel Verslag:

• IFRIC 21 Heffingen

In mei 2013 publiceerde de IASB de interpretatie IFRIC 21 Heffingen. De interpretatie behandelt de boekhoudkundige verwerking van heffingen opgelegd door een overheid, andere dan inkomstenbelastingen, waarvoor IAS 12 Winstbelastingen van toepassing is. De interpretatie geeft tevens advies over wanneer een verplichting wegens een heffing moet worden erkend.

Voor de IASB is deze interpretatie van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 januari 2014. Voor ondernemingen binnen de Europese Unie is de toepassing van de interpretatie verplicht vanaf jaarperioden die aanvangen op of na 17 juni 2014. Bijgevolg werd deze interpretatie vanaf 1 januari 2015 voor de eerste maal toegepast.

• Verbeteringen aan IFRSs 2011-2013 cyclus In december 2013, publiceerde de IASB een volgende deel van jaarlijkse verbeteringen aan bestaande standaarden, van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 juli 2014. Deze aanpassingen werden bekrachtigd door de Europese Unie in december 2014 en dienen verplicht toegepast te worden vanaf 1 januari 2015. Het betreft een geheel van aanpassingen aan de verwoordingen van bestaande standaarden en verduidelijkingen. De aanpassingen definiëren de uitzonderingen voor entiteiten waarover gemeenschappelijk de zeggenschap wordt uitgeoefend; verduidelijken het toepassingsgebied van de in IFRS 13 beschreven uitzonderingsmaatregel voor de waardering aan reële waarden van financiële activa en verplichtingen met posities die de marktrisico's of kredietrisico van de tegenpartijen compenseren en verduidelijken de interactie tussen de standaarden Bedrijfscombinaties en Vastgoedbeleggingen.

Voornoemde nieuwe of herziene standaarden hebben in 2015 geen wezenlijke invloed gehad op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep.

De Groep heeft niet geopteerd voor een eerdere toepassing van IFRSstandaarden die nog niet van kracht waren in 2015. Meer informatie wordt verschaft in toelichting 4 'Nieuwe standaarden en interpretaties van standaarden gepubliceerd, nog niet van kracht per einde boekjaar'.

De geconsolideerde jaarrekening werd door de Raad van Bestuur voor publicatie vrijgegeven op 24 maart 2016.

2.2 WAARDERINGSBASIS

De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld op basis van historische kostprijs, met uitzondering van de volgende van materieel belang zijnde balansposten:

  • Afgeleide financiële instrumenten worden gewaardeerd aan reële waarde;
  • Niet-afgeleide financiële activa gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening worden gewaardeerd aan reële waarde; en
  • De uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen toegewezen fondsbeleggingen worden gewaardeerd aan reële waarde.

2.3 FUNCTIONELE VALUTA EN PRESENTATIEVALUTA

De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro, wat de functionele munt is van de Onderneming. Alle financiële informatie is weergegeven in miljoen euro, afgerond naar het dichtstbijzijnde miljoen, tenzij anders aangeduid.

2.4 SCHATTINGEN EN OORDELEN VAN HET MANAGEMENT

De opmaak van de geconsolideerde jaarrekening in overeenstemming met IFRS vereist een zekere oordeelsvorming door het management en het gebruik van bepaalde schattingen

en veronderstellingen. Deze kunnen een belangrijke impact hebben op de voorstelling van de financiële toestand en/of de resultaten van de activiteiten van de Groep. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden regelmatig beoordeeld maar kunnen van de actuele waarden afwijken.

De onderwerpen waarbij een hoge mate van oordeelsvorming is vereist of waarbij het gebruik van schattingen en veronderstellingen belangrijk is voor de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening worden hierna weergegeven met verwijzing naar de betreffende toelichting waar meer informatie wordt verstrekt:

Onderwerpen die een hoge mate van oordeelsvorming,
schattingen en veronderstellingen vereisen
Toelichtingen
De netto contante waarde van geschatte toekomstige kasstromen
die wordt gebruikt bij het toetsen op bijzondere waardeverminderingen.
Toelichting 13 'Immateriële activa en goodwill'
De gebruiksduur van immateriële activa met een beperkte gebruiksduur. Toelichting 13 'Immateriële activa en goodwill'
Het beoordelen van de geschiktheid van de voorzieningen voor lopende of verwachte
onderzoeken naar de belastingverplichtingen over voorgaande jaren
Toelichting 12 'Winstbelastingen'
Het bepalen van de recupereerbaarheid van uitgestelde belastingvorderingen. Toelichting 12 'Winstbelastingen'
De actuariële veronderstellingen die gebruikt worden voor de waardering
van toegezegdpensioenregelingen
Toelichting 23 'Personeelsbeloningen'
Erkenning van de opbrengsten van overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of
diensten samen worden aangeboden aan de koper ('multiple-element arrangements')
Toelichting 26 'Uitgestelde opbrengsten
en vooruitbetalingen'

3. GRONDSLAGEN VOOR FINANCIËLE VERSLAGGEVING

3.1 CONSOLIDATIEPRINCIPES

3.1.1 Bedrijfscombinaties

Bedrijfscombinaties worden verwerkt op basis van de overnamemethode op overnamedatum, zijnde de datum waarop de zeggenschap overgaat naar de Groep. De Groep heeft zeggenschap over een entiteit indien zij op basis van haar betrokkenheid bij de entiteit is blootgesteld aan, dan wel recht heeft op, variabele rendementen en de mogelijkheid heeft die rendementen te beïnvloeden aan de hand van haar zeggenschap over de entiteit.

Goodwill wordt niet afgeschreven maar op bijzondere waardevermindering getoetst, op jaarlijkse basis en telkens er een aanwijzing bestaat dat de kasstroomgenererende eenheid waaraan goodwill werd toegerekend mogelijk een bijzondere waardevermindering heeft ondergaan. Het onderzoek van kasstroomgenererende eenheden op bijzondere waardevermindering wordt toegelicht in een daartoe voorziene rubriek van deze grondslagen.

Goodwill wordt gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Voor geassocieerde deelnemingen wordt het bedrag van de goodwill opgenomen in de boekwaarde van de investering.

De goodwill op overnamedatum wordt bepaald als:

  • het totaal van de reële waarde van de overgedragen vergoeding; en
  • het bedrag van enig minderheidsbelang in de overgenomen partij en in een bedrijfscombinatie die in verschillende fasen wordt gerealiseerd, de reële waarde op de overnamedatum van het voorheen aangehouden aandelenbelang van de overnemende partij in de overgenomen partij; verminderd met
  • het nettosaldo van de verworven identificeerbare activa en overgenomen verplichtingen.

Indien het belang van de Groep in de netto reële waarde van de identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen, de kostprijs van de bedrijfscombinatie overtreft, wordt dit surplus onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen.

Voorwaardelijke te betalen vergoedingen worden opgenomen in de balans aan reële waarde op overnamedatum. Wijzigingen aan de reële waarde van voorwaardelijke te betalen vergoedingen, welke in de balans als verplichting zijn opgenomen, worden verwerkt via de winst- en verliesrekening.

Overnamekosten worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening geboekt.

3.1.2 Verwervingen van minderheidsbelangen

Minderheidsbelangen worden gewaardeerd tegen het proportionele aandeel in de netto-identificeerbare activa van de verworven partij op overnamedatum.

3.1.3 Dochterondernemingen

Dochterondernemingen zijn deze entiteiten waarover de Groep zeggenschap uitoefent.

De groep heeft zeggenschap over een entiteit indien zij op basis van haar betrokkenheid bij de entiteit is blootgesteld aan, dan wel recht heeft op, variabele rendementen en de mogelijkheid heeft die rendementen te beïnvloeden aan de hand van haar zeggenschap over de entiteit. De jaarrekeningen van de dochterondernemingen worden in de consolidatiekring opgenomen vanaf de datum van verwerving tot het einde van de zeggenschap.

3.1.3.1 Wijzigingen in het eigendomsbelang van een moedermaatschappij in een dochteronderneming die niet tot een verlies van zeggenschap leiden

Wijzigingen in het eigendomsbelang van een moedermaatschappij in een dochteronderneming die niet tot een verlies van zeggenschap leiden, worden verwerkt als eigenvermogenstransacties (d.w.z. transacties van aandeelhouders in hun hoedanigheid van eigenaar). In dergelijke omstandigheden moeten de boekwaarden van de meerderheids- en minderheidsbelangen worden aangepast om de wijzigingen in hun relatieve belangen in de dochteronderneming weer te geven.

Aanpassingen aan minderheidsbelangen, als gevolg van verrichtingen die niet leiden tot een verlies van zeggenschap, zijn gebaseerd op een proportioneel aandeel in het nettoactief van de dochteronderneming.

Elk eventueel verschil tussen het bedrag waarmee de minderheidsbelangen worden aangepast en de reële waarde van de ontvangen of betaalde vergoeding, moet rechtstreeks in het eigen vermogen worden verwerkt en aan de aandeelhouders van de moedermaatschappij worden toegewezen.

3.1.4 Verlies van zeggenschap

Wanneer een moedermaatschappij de zeggenschap over een dochteronderneming verliest, neemt ze op de datum waarop ze de zeggenschap verliest de boekwaarde van de activa en verplichtingen van de dochteronderneming evenals de boekwaarde van minderheidsbelangen in de voormalige dochteronderneming (met inbegrip van aan die minderheidsbelangen toerekenbare componenten van niet-gerealiseerde resultaten) niet langer in de balans op. Elk verschil dat voortvloeit uit een verlies van zeggenschap wordt als een winst of verlies opgenomen. Elke investering die de Groep aanhoudt in de voormalige dochteronderneming wordt opgenomen aan reële waarde op de datum van verlies van zeggenschap. Na eerste opname wordt de investering, afhankelijk van het deelnemingspercentage, verwerkt volgens de 'equity'-methode of als een financieel actief beschikbaar voor verkoop.

3.1.5 Geassocieerde deelnemingen

Een geassocieerde deelneming is een entiteit waarin de Onderneming invloed van betekenis heeft en die geen dochteronderneming of belang in een joint venture is.

Als de Onderneming tussen 20% en 50% van de stemrechten van de deelneming aanhoudt, wordt verondersteld dat de Onderneming invloed van betekenis heeft. Volgens de 'equity'-methode wordt de investering in een geassocieerde deelneming bij eerste opname gewaardeerd aan de kostprijs. De kostprijs van de investering omvat transactiekosten. Een investering in een geassocieerde deelneming wordt verwerkt volgens de 'equity'-methode vanaf de datum waarop de investering een geassocieerde deelneming wordt. Bij de verwerving van de investering wordt een eventueel verschil tussen de kostprijs van de investering en het aandeel van de Onderneming in de netto reële waarde van de identificeerbare activa en verplichtingen van de geassocieerde deelneming als volgt verwerkt:

  • goodwill die betrekking heeft op een geassocieerde deelneming wordt opgenomen in de boekwaarde van de investering;
  • elk surplus van het aandeel van de investeerder in de netto reële waarde van de identificeerbare activa en verplichtingen van de geassocieerde deelneming ten opzichte van de kostprijs van de investering wordt als bate opgenomen bij de bepaling van het aandeel van de investeerder in de winst of het verlies van de geassocieerde deelneming tijdens de periode waarin de investering is verworven.

Wanneer er indicatie bestaat om een bijzonder waardeverminderingsverlies met betrekking tot een investering in een geassocieerde deelneming op te nemen, zijn de grondslagen voor financiële verslaggeving met betrekking tot bijzondere waardeverminderings-verliezen van toepassing.

3.1.5.1 Eliminatie van niet-gerealiseerde winsten en verliezen op transacties met geassocieerde deelnemingen

Winsten en verliezen die voortvloeien uit 'upstream'- en 'downstream'-transacties tussen de Onderneming (met inbegrip van zijn geconsolideerde dochterondernemingen) en een geassocieerde deelneming worden alleen in de jaarrekening van de Onderneming geëlimineerd ten belope van het belang van de Onderneming in de geassocieerde deelneming.

Een voorbeeld van een 'upstream'-transactie is de verkoop van activa van een geassocieerde deelneming aan de Onderneming. Een voorbeeld van een 'downstream'-transactie is de verkoop van activa van de Onderneming aan een geassocieerde deelneming.

3.1.5.2 Verlies van invloed van betekenis over de geassocieerde deelneming

Vanaf de datum waarop de Onderneming invloed van betekenis over de geassocieerde deelneming verliest, wordt betreffende investering verwerkt conform IAS 39.

Bij verlies van invloed van betekenis waardeert de Onderneming de investering in voormalige geassocieerde deelneming aan de reële waarde.

De Onderneming erkent in de winst- en verliesrekening alle verschillen tussen:

  • de reële waarde van de overblijvende investering en de inkomsten uit de vervreemding van het belang in de geassocieerde deelneming; en
  • de boekwaarde van de investering op de datum waarop de Onderneming zijn invloed van betekenis verliest.

3.1.6 Entiteiten en activiteiten waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend

Een gezamenlijke overeenkomst is een overeenkomst waarover twee of meerdere partijen gezamenlijk zeggenschap uitoefenen. Gezamenlijke zeggenschap over een overeenkomst bestaat alleen wanneer contractueel is vastgesteld dat beslissingen over relevante activiteiten met unanimiteit van de betrokken partijen kunnen worden genomen. Afhankelijk van de rechten en verplichtingen van de betrokken partijen wordt een gezamenlijke overeenkomst geklasseerd als een activiteit waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend of als een joint venture.

3.1.6.1 Activiteiten waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend

Een activiteit waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend, betreft een overeenkomst waarbij de partijen gezamenlijk rechten hebben op de activa van de overeenkomst en verplichtingen uit hoofde van de schulden van de overeenkomst.

De geconsolideerde jaarrekening omvat de activa waarover de Groep zeggenschap uitoefent en de verplichtingen die de Groep aangaat bij de uitvoering van de gezamenlijke activiteit, evenals de kosten die de Groep maakt en het aandeel van de opbrengsten dat de Groep met de gezamenlijke activiteit verdient.

3.1.6.2 Joint venture

Een joint venture is een overeenkomst waarover de Groep gezamenlijke zeggenschap uitoefent, waardoor de Groep rechten heeft op de nettoactiva van de overeenkomst maar geen rechten op de activa van de overeenkomst en geen verplichtingen uit hoofde van de schulden van de overeenkomst. Een deelnemer in een joint venture neemt zijn belang in een entiteit waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend op aan kostprijs volgens de 'equity'-methode.

3.1.7 Geëlimineerde transacties bij de consolidatie

Alle intragroepsaldi en -transacties, met inbegrip van niet-gerealiseerde resultaten op intragroeptransacties en -dividenden, worden bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening geëlimineerd. Niet-gerealiseerde winsten en verliezen uit transacties binnen de Groep die zijn opgenomen in de activa, zoals voorraden en vaste activa, worden volledig geëlimineerd. Niet-gerealiseerde winsten uit transacties met geassocieerde deelnemingen worden geëlimineerd naar rato van het belang dat de Groep in de entiteit heeft. Niet-gerealiseerde verliezen worden op dezelfde wijze geëlimineerd als niet-gerealiseerde winsten, maar alleen voor zover er geen aanwijzing is voor een bijzondere waardevermindering.

3.2 VREEMDE VALUTA

Elementen opgenomen in de jaarrekening van de entiteiten van de Groep worden gewaardeerd in de valuta van de primaire economische omgeving waarin de entiteit actief is (de functionele valuta). De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro die de functionele valuta en presentatievaluta van de Onderneming is.

3.2.1 Verrichtingen in vreemde valuta

Alle verrichtingen in andere dan de functionele valuta zijn verrichtingen in vreemde valuta. Verrichtingen in vreemde valuta worden omgerekend in de functionele valuta op basis van de wisselkoers die geldt op de transactiedatum. Valutakoersverschillen als gevolg van de afwikkeling van dergelijke verrichtingen en van de omrekening van monetaire activa en verplichtingen uitgedrukt in vreemde valuta aan slotkoers worden in de winst- en verliesrekening opgenomen. Niet-monetaire posten die in vreemde valuta worden uitgedrukt en tegen historische kostprijs worden gewaardeerd, worden omgerekend op basis van de wisselkoers die geldt op transactiedatum.

3.2.2 Buitenlandse activiteiten

Een buitenlandse activiteit is een entiteit die een dochteronderneming, geassocieerde deelneming, joint venture of filiaal van de verslaggevende entiteit is en waarvan de activiteiten zijn gebaseerd of worden uitgevoerd in een andere valuta dan euro.

De resultaten en financiële positie van al de groepsondernemingen worden voor consolidatiedoeleinden omgerekend in de presentatievaluta op de volgende wijze:

  • de activa en verplichtingen worden omgerekend tegen de slotkoers op rapporteringsdatum;
  • de baten en lasten worden voor elke winst- en verliesrekening omgerekend tegen de gemiddelde koers over het boekjaar; en
  • de componenten van het eigen vermogen worden omgerekend aan historische koersen met uitzondering van de bewegingen van het jaar die aan de gemiddelde koersen over het boekjaar worden omgerekend.

Alle resulterende valutakoersverschillen worden als een afzonderlijke component in het eigen vermogen onder 'Valutakoersverschillen' opgenomen. Het bedrag dat toewijsbaar is aan minderheidsbelangen wordt opgenomen als deel van de minderheidsbelangen.

Bij het afstoten van een buitenlandse activiteit moet het cumulatieve bedrag van de valutakoersverschillen dat verband houdt met die buitenlandse activiteit, opgenomen in nietgerealiseerde resultaten en verwerkt in de afzonderlijke component van het eigen vermogen, worden overgeboekt van het eigen vermogen naar de winst- en verliesrekening (als een herclassificatieaanpassing) op het ogenblik dat de winst of het verlies op de afstoting wordt opgenomen. Bij de afstoting van een dochteronderneming, wordt het cumulatieve bedrag van de wisselkoersverschillen dat voordien aan de minderheidsbelangen werd toegewezen, niet langer als deel van de minderheidsbelangen getoond maar opgenomen in mindering van de ingehouden winsten.

Bij gedeeltelijke afstoting van een dochteronderneming die een buitenlandse activiteit omvat, moet de entiteit het evenredige deel van het cumulatieve bedrag van de valutakoersverschillen, opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten, toewijzen aan de minderheidsbelangen in die buitenlandse activiteit. Bij elke andere gedeeltelijke afstoting van een buitenlandse activiteit moet de entiteit alleen het evenredige deel van het cumulatieve bedrag van de valutakoersverschillen, opgenomen in nietgerealiseerde resultaten, overboeken naar de winst- en verliesrekening.

Elke vermindering van het belang in een buitenlandse activiteit wordt beschouwd als een gedeeltelijke afstoting van een buitenlandse activiteit, met uitzondering van verminderingen die leiden tot:

  • het verlies van zeggenschap over een dochteronderneming die een buitenlandse activiteit omvat;
  • het verlies van invloed van betekenis over een geassocieerde deelneming die een buitenlandse activiteit omvat; en
  • het verlies van gezamenlijke zeggenschap over een overeenkomst waarover twee of meerdere partijen gezamenlijk zeggenschap uitoefenen.

Deze gedeeltelijke afnamen van belangen in buitenlandse activiteiten worden administratief verwerkt als afstotingen wat leidt tot een herclassificatieaanpassing van de valutakoersverschillen op deze buitenlandse activiteiten, opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten, naar de winst- en verliesrekening.

3.2.3 Afdekking van een netto-investering in een buitenlandse entiteit

Wanneer een verplichting uitgedrukt in vreemde valuta toegewezen wordt als afdekking van de netto-investering in een buitenlandse entiteit, worden de valutakoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van deze verplichting naar de functionele valuta, opgenomen in de nietgerealiseerde resultaten.

Wanneer een derivaat toegewezen wordt als afdekking van een nettoinvestering in een buitenlandse entiteit, wordt het effectieve deel van de winst of het verlies op het afdekkinginstrument rechtstreeks opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten terwijl het ineffectieve deel in de winsten verliesrekening wordt opgenomen.

Bij het afstoten van een buitenlandse activiteit die het voorwerp uitmaakt van een afdekking van de netto-investering in die activiteit, worden de winsten en verliezen van betreffende financiële instrumenten, opgenomen in het eigen vermogen, geherclasseerd naar de winst- en verliesrekening.

3.3 OPBRENGSTEN EN OVERIGE BEDRIJFSOPBRENGSTEN

Opbrengsten uit de verkoop van goederen en diensten en uit licentieovereeenkomsten worden erkend als opbrengsten. Andere inkomsten uit bedrijfsactiviteiten worden erkend als overige bedrijfsopbrengsten.

Opbrengsten worden netto – na belastingen, kortingen en rabatten – geregistreerd. De Groep neemt de opbrengsten op in de winst- en verliesrekening op het ogenblik dat de wezenlijke risico's en voordelen van eigendom van de goederen/diensten worden overgedragen aan de koper, het bedrag van de opbrengst op een betrouwbare wijze kan worden gewaardeerd, er geen significante onzekerheid bestaat over de inning van de vordering en/of de eventuele terugzending van de goederen, de reeds gemaakte of nog te maken kosten met betrekking tot de transactie op een betrouwbare wijze kunnen worden ingeschat en er geen sprake is van voortgezette betrokkenheid bij de goederen.

3.3.1 Verkoop van goederen

Algemeen wordt, bij de verkoop van verbruiksgoederen, chemicaliën, wisselstukken, uitrusting en softwarelicenties, aan voornoemde opnamecriteria voldaan op het ogenblik dat de goederen verscheept worden en geleverd zijn aan de koper en, afhankelijk van de leveringsvoorwaarden, de eigendomstitel overgedragen werd en acceptatie van de goederen werd bekomen.

3.3.2 Dienstverlening

Opbrengsten uit dienstverlening zoals onderhoud worden lineair over de contractueel vastgelegde periode gedurende dewelke de diensten worden verleend, opgenomen in de winsten verliesrekening.

3.3.3 Royalties

Vergoedingen en royalties betaald voor het gebruik van de activa van de Onderneming worden op basis van het toerekeningsbeginsel opgenomen in overeenstemming met de voorwaarden en het voorwerp van betreffende overeenkomst. In een aantal situaties is de ontvangst van een licentievergoeding of royalty afhankelijk van het zich voordoen van een toekomstige gebeurtenis. In deze situaties worden opbrengsten uitsluitend opgenomen op het ogenblik dat er redelijke zekerheid bestaat over de inning van de vergoeding of royalty, wat over het algemeen het tijdstip is waarop de gebeurtenis plaats vindt.

3.3.4 Overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aan de koper worden aangeboden

De Groep sluit tevens overeenkomsten af waarin meerdere goederen en/ of diensten samen aangeboden worden aan de koper ('multiple element arrangements'). Deze overeenkomsten omvatten onder meer de verkoop van software, hardware en diensten zoals opleiding, onderhoud en dienstverlening na verkoop. Voor zulke overeenkomsten wordt steeds nagekeken of de levering van elk van deze goederen en/of diensten kan beschouwd worden als een afzonderlijke boekhoudkundige eenheid waarop de opnamecriteria kunnen toegepast worden. Opbrengsten met betrekking tot de geleverde goederen en/of diensten kunnen los van elkaar in de winst- en verliesrekening opgenomen worden op voorwaarde dat:

  • de goederen en/of diensten onafhankelijk van elkaar waarde creëren voor de koper;
  • de reële waarde van de nog niet geleverde goederen en/of diensten op een betrouwbare en objectieve manier kan bepaald worden; en
  • in geval de overeenkomst een teruggaverecht bevat, de Onderneming met voldoende zekerheid de succesvolle oplevering van de nog niet geleverde goederen en/of diensten kan inschatten en verzekeren.

Voor zover deze overeenkomsten geen softwareproducten bevatten die significante aanpassingen en programmatie op maat van de koper vereisen, wordt de totale verkoopprijs van de overeenkomst toegewezen aan de verschillende identificeerbare goederen en/of diensten op basis van hun reële waarde. De reële waarde van de verschillende goederen en/of diensten vervat in de overeenkomst wordt bepaald aan de hand van objectieve ondernemingsspecifieke gegevens. Deze objectieve ondernemingsspecifieke gegevens zijn de door de onderneming gehanteerde prijslijsten wanneer de goederen en/of diensten afzonderlijk verkocht worden op de markt.

Het deel van de verkoopprijs toegekend aan ieder element van de transactie zal in de winst- en verliesrekening opgenomen worden op het moment dat de levering van het product heeft plaatsgevonden, de verkoopprijs vaststaand of bepaalbaar is en de inning van de verkoopprijs met voldoende zekerheid kan ingeschat worden en dit alles op voorwaarde dat een verkoopovereenkomst afgesloten werd met de koper.

In het geval dat de reële waarde van een of meerdere reeds geleverde goederen en/of diensten niet op een objectieve manier bepaald kan worden, maar objectieve informatie beschikbaar is van de reële waarde van alle nog niet geleverde goederen en/of diensten, dan wordt het gedeelte van de verkoopprijs toegewezen aan de nog niet geleverde goederen en/of diensten uitgesteld en zal het residueel gedeelte van de verkoopprijs toegewezen aan de geleverde goederen en/of diensten opgenomen worden in de winst- en verliesrekening op voorwaarde dat aan alle opnamecriteria werd voldaan.

Het merendeel van de overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden ('multiple element arrangements') binnen het segment Agfa HealthCare, vereist geen significante aanpassingen van het software-gedeelte en geen programmatie op maat van de koper. De opnamecriteria worden toegepast op de afzonderlijke identificeerbare componenten van de transactie. Het deel van de verkoopprijs toegewezen aan de hardware-component wordt opgenomen in de winsten verliesrekening op het moment dat deze geleverd is aan de koper en toegevoegde waarde creëert. Het deel van de verkoopprijs toegewezen aan de software-component wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening na succesvolle installatie bij de koper.

De hieraan verbonden diensten worden opgenomen in de winsten verliesrekening naar rato van de verrichte prestaties.

Bij de verkoop van uitrusting die een aanzienlijke installatie vereist binnen het segment Agfa Graphics, worden de opbrengsten in de winst- en verliesrekening opgenomen nadat de installatie in overeenstemming met alle contractuele bepalingen is voltooid en het systeem aldus gebruiksklaar is voor de koper.

Opbrengsten uit overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden ('multiple element arrangements'), waarbij significante aanpassingen van het softwareonderdeel noodzakelijk zijn of die programmatie vereisen op maat van de koper, worden in de winst- en verliesrekening opgenomen volgens het stadium van voltooiing van activiteiten op rapporteringsdatum. Binnen het segment Agfa HealthCare wordt deze werkwijze toegepast op projecten die de drie basiscriteria zoals beschreven in het 'Solution Launch Process' nog niet behaalden, de zogenaamde pilootprojecten. De mate waarin de prestaties zijn verricht, wordt bepaald naar rato van

de projectkosten die tot op dat moment zijn gemaakt in verhouding tot de totale geschatte projectkosten. Indien de mate waarin prestaties zijn verricht niet met voldoende zekerheid kan bepaald worden, worden de opbrengsten in de winst- en verliesrekening opgenomen bij finale oplevering aan de koper.

3.4 INKOMSTEN UIT LEASE-OVEREENKOMSTEN 3.4.1 Financiële lease-overeenkomsten

Invorderbare minimale lease-betalingen waarbij de Groep als leasinggever alle aan het eigendom verbonden risico's en voordelen overdraagt naar de klant worden opgenomen als vordering voor een bedrag gelijk aan de contante waarde van de toekomstige minimale lease-betalingen. Baten uit financiële lease-overeenkomsten – gerapporteerd onder 'Overige bedrijfsopbrengsten' – worden vervolgens zodanig aan iedere periode van de totale lease-termijn toegerekend dat dit resulteert in een constante periodieke rentevoet. Op lease-overeenkomsten aangegaan uit hoofde van de producent wordt op basis van de grondslagen voor de erkenning van opbrengsten uit de verkoop van goederen een verkoopwinst erkend. Dit betekent dat de Onderneming opbrengsten en daaraan gerelateerde winstmarge erkent op het ogenblik dat de fabriekseenheid of een verbonden onderneming Agfa Finance factureert bij het begin van de lease-overeenkomst met de eindklant. Het overgrote deel van de leaseovereenkomsten waarbij de klant als economische eigenaar van het actief wordt beschouwd, wordt afgesloten met Agfa Finance (zijnde Agfa Finance NV, haar filialen en Agfa Finance Corp.). Overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aan de koper worden aangeboden en die tevens deel uitmaken van een lease-overeenkomst volgen dezelfde principes voor de erkenning van opbrengsten alsof er geen financieringsovereenkomst zou afgesloten zijn. Een commerciële overeenkomst waarbij een bepaald toestel wordt gefinancierd door een halflange- of langetermijnovereenkomst waarbij de klant zich verbindt tot het kopen van een bepaalde hoeveelheid verbruiksgoederen aan een hogere waarde dan hun marktwaarde wordt een 'bundle deal' genoemd. Betalingen voor financiële leaseovereenkomsten afgesloten in de vorm van 'bundle deals' worden aangewend voor de aflossing van de openstaande invorderbare minimale lease-betalingen en de vergoeding voor de verkochte verbruiksgoederen op basis van hun relatieve reële waarden.

3.4.2 Operationele lease-overeenkomsten

Opbrengsten uit operationele lease-overeenkomsten voor de verhuur van bedrijfsruimte en -uitrusting – gerapporteerd onder 'Overige bedrijfsopbrengsten' – worden lineair over de looptijd van de lease opgenomen. Een overeenkomst die niet de juridische vorm van een lease-overeenkomst heeft, wordt toch boekhoudkundig als leaseovereenkomst verwerkt als deze het gebruik van een bepaald actief of activa betreft en de overeenkomst voorziet in de toekenning van het gebruiksrecht van het actief.

3.4.3 'Sale and leaseback'-verrichtingen

Winst uit 'Sale and leaseback'-verrichtingen wordt onmiddellijk erkend als de belangrijkste aan het eigendom verbonden risico's en voordelen overdragen worden naar de koper, het terug huren het voorwerp uitmaakt van een operationele lease-overeenkomst en de verrichting aan reële waarde wordt afgesloten.

3.5 KOSTEN VAN ONDERZOEK EN ONTWIKKELING

Kosten van onderzoek worden voor boekhoudkundige doeleinden gedefinieerd als kosten gemaakt voor huidige of geplande onderzoeken met het oog op het verschaffen van nieuwe wetenschappelijke of technische kennis en inzichten. Ontwikkelingskosten worden gedefinieerd als kosten gemaakt om de onderzoeksbevindingen of de gespecialiseerde kennis aan te wenden voor het uitdenken of plannen van de productie, levering of ontwikkeling van nieuwe of substantieel verbeterde producten, diensten of processen alvorens deze in productie of gebruik te nemen.

Kosten van onderzoek en ontwikkeling betreffen zowel interne onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten als verschillende samenwerkingen op het vlak van onderzoek en ontwikkeling en allianties met derde partijen.

Kosten van onderzoek en ontwikkeling omvatten, in het bijzonder, de lopende kosten voor de onderzoeks- en ontwikkelingsdepartementen zoals personeelskosten, materiaalkosten en afschrijving van vaste activa alsook de kosten van laboratoria, faciliteiten voor de ontwikkeling van toepassingen, 'engineering'- en andere departementen die onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten verrichten, kosten voor het contact met universiteiten en wetenschappelijke instellingen en de kosten van onderzoeks- en ontwikkelingswerk voor rekening van derden.

Onderzoekskosten kunnen niet worden geactiveerd. De voorwaarden voor activering van ontwikkelingskosten zijn strikt gedefinieerd: een immaterieel actief kan maar erkend worden, alleen wanneer er redelijke zekerheid bestaat dat

toekomstige kasstromen de boekwaarde van het actief kunnen afdekken. In 3.9.1 wordt bijkomende informatie verstrekt over de activering van ontwikkelingskosten.

3.6 NETTOFINANCIERINGSLASTEN

Financieringsbaten (-kosten) – netto omvatten rente verschuldigd op leningen en ontvangen rente op beleggingen. Zij bevatten ontvangen en betaalde interesten met betrekking tot elementen opgenomen in de netto financiële schuldpositie. De netto financiële schuldpositie wordt gedefinieerd als de som van langlopende en kortlopende rentedragende verplichtingen verminderd met geldmiddelen en kasequivalenten. Overige financieringsbaten (-kosten) – netto omvatten:

  • ontvangen en betaalde interesten met betrekking tot overige activa en verplichtingen die geen deel uitmaken van de netto financiële schuldpositie zoals de interest op de nettoverplichting wegens vergoedingen na uitdiensttreding en de interestcomponent van ontslagvergoedingen geheel of gedeeltelijk betaalbaar na twaalf maanden;
  • valutakoersverschillen uit niet-operationele activiteiten;
  • winsten en verliezen uit derivaten ter indekking van niet-operationele activiteiten;
  • bijzondere waardeverminderingsverliezen geboekt op financiële activa beschikbaar voor verkoop;
  • resultaten op de verkoop van effecten beschikbaar voor verkoop; en
  • andere niet-operationele kosten en opbrengsten.

Inkomsten uit rente worden pro rata temporis in de winst- en verliesrekening opgenomen rekening houdend met het effectieve rendement van het actief. Inkomsten uit dividenden worden in de winst- en verlies-rekening opgenomen op de dag dat het dividend wordt toegekend.

Alle rentelasten en andere financieringskosten in verband met leningen worden in de winst- en verliesrekening opgenomen naarmate ze ontstaan op basis van de effectieve rentemethode. De rentelastcomponent van de betalingen voor financiële lease-overeenkomsten wordt in de winst- en verliesrekening opgenomen op basis van de effectieve rentemethode.

De interest op de nettoverplichting wegens vergoedingen na uitdiensttreding wordt berekend door de disconteringsvoet die gebruikt wordt voor de berekening van de contante waarde van de brutoverplichting toe te passen op de nettoverplichting.

Zowel de bruto- als nettoverplichting bij aanvang van de rapporteringsperiode wordt als basis genomen waarbij rekening wordt gehouden met wijzigingen in de nettoverplichting tijdens de rapporteringsperiode als gevolg van bijdragen en uitkeringen. De interestcomponent van langetermijnontslagvergoedingen omvat de impact van de afwikkeling van de verplichting evenals de impact van de gewijzigde disconteringsvoet.

3.7 WINSTBELASTINGEN

De winstbelastingen omvatten de over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare belastingen en de uitgestelde belastingen. Beide belastingen worden in de winst- en verliesrekening geboekt behalve in die gevallen waar het bestanddelen betreft die deel uitmaken van de niet-gerealiseerde resultaten. In dit laatste geval verloopt de opname via de niet-gerealiseerde resultaten.

Bij de bepaling van de over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare winstbelastingen en uitgestelde winstbelastingen houdt de Groep rekening met het effect van onzekere belastingposities en de vraag of er nog verdere belastingen en rente verschuldigd zijn.

3.7.1 Verschuldigde winstbelastingen

Onder de over de verslagperiode verschuldigde en verrekenbare belastingen verstaat men deze die drukken op de fiscale winst van het boekjaar, berekend tegen de belastingtarieven die van kracht zijn op de balansdatum, evenals de aanpassingen aan de belastingen die verschuldigd zijn over de vorige boekjaren. Bijkomende winstbelastingen die ontstaan uit de uitkering van dividenden worden geboekt op hetzelfde moment als de verplichting voor uitbetaling van het desbetreffende dividend.

3.7.2 Uitgestelde winstbelastingen

De uitgestelde belastingen worden berekend volgens de 'balance sheet'-methode en komen hoofdzakelijk voort uit de verschillen tussen de boekwaarde van activa en verplichtingen in de balans en de fiscale boekwaarde ervan (tijdelijke verschillen). Er wordt echter geen rekening gehouden met de volgende verschillen:

  • de eerste opname van goodwill;
  • de eerste opname van een actief of verplichting in een transactie die geen bedrijfscombinatie is en op het moment van de transactie geen invloed heeft op de winst vóór belasting of op de fiscale winst (het fiscale verlies); en

• tijdelijke verschillen met betrekking tot investeringen in dochterondernemingen in de mate dat zij waarschijnlijk niet zullen afgewikkeld worden in de nabije toekomst.

Het bedrag van de uitgestelde belastingen is gebaseerd op de verwachtingen met betrekking tot de realisatie van de boekwaarde van de activa en verplichtingen, waarbij gebruik wordt gemaakt van de belastingtarieven (en de belastingwetgeving) waarvan het wetgevingsproces (materieel) is afgesloten op de balansdatum. Een uitgestelde belastingvordering wordt enkel opgenomen in de balans indien het voldoende zeker is dat de verrekenbare tijdelijke verschillen, de ongebruikte belastingfaciliteiten en de ongebruikte voorwaartse verliescompensatie in de toekomst met fiscale winsten kunnen worden verrekend. Uitgestelde belastingvorderingen worden verminderd naarmate het niet langer waarschijnlijk is dat de belastingbesparing zal kunnen worden gerealiseerd.

3.7.2.1 Uitgestelde winstbelastingen op toegezegdpensioenregelingen

Toegezegdpensioenregelingen kunnen aanleiding geven tot zowel belastbare als verrekenbare tijdelijke verschillen afhankelijk van de situatie: wanneer de fiscale waarde de boekwaarde van de verplichtingen in de balans overtreft spreken we over belastbare verschillen terwijl in de omgekeerde situatie sprake is van verrekenbare verschillen. Voor toegezegdpensioenregelingen die resulteren in verrekenbare verschillen wordt een uitgestelde belastingvordering enkel opgenomen in de balans indien het voldoende zeker is dat zij in de toekomst met fiscale winsten kunnen worden verrekend.

Wanneer de geaccumuleerde herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen, zijnde de impact van de eerste toepassing van de aanpassingen in 2011 aan IAS 19 en alle volgende herwaarderingen, een debitsaldo vertegenwoordigen in de nietgerealiseerde resultaten en indien ten gevolge van deze herwaarderingen de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen heeft geleid tot een verrekenbaar tijdelijk verschil met als gevolg de erkenning van een uitgestelde belastingvordering, wordt de impact opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten in de mate dat deze betrekking heeft op de geaccumuleerde herwaarderingen. Indien in een daaropvolgend jaar een uitgestelde belastingvordering, voorheen opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten, afneemt, wordt de impact hiervan eveneens verwerkt via nietgerealiseerde resultaten.

Wanneer de geaccumuleerde herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen een creditsaldo vertegenwoordigen in de niet-gerealiseerde resultaten en indien ten

gevolge van deze herwaarderingen de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen heeft geleid tot een belastbaar tijdelijk verschil met als gevolg de erkenning van een uitgestelde belastingverplichting, wordt de impact opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten in de mate dat deze betrekking heeft op de geaccumuleerde herwaarderingen. Indien in een daaropvolgend jaar een uitgestelde belastingverplichting, voorheen opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten, afneemt, wordt de impact hiervan eveneens verwerkt via niet-gerealiseerde resultaten.

De totale balanswaarde van de gecumuleerde herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen wordt weergegeven in niet-gerealiseerde resultaten, na winstbelasting.

3.8 GOODWILL EN IMMATERIËLE ACTIVA MET EEN ONBEPAALDE GEBRUIKSDUUR

Goodwill die ontstaat bij de overname van dochterondernemingen wordt opgenomen onder immateriële activa. Voor de waardering bij eerste opname verwijzen we naar toelichting 3.1.1 'Bedrijfscombinaties'.

Goodwill wordt na eerste opname gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Voor geassocieerde deelnemingen die volgens de 'equity'-methode worden gewaardeerd, wordt het bedrag van de goodwill opgenomen in de boekwaarde van de investering.

Eventuele bijzondere waardeverminderingsverliezen worden eveneens opgenomen in de boekwaarde van de geassocieerde deelneming.

Immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur, zoals handelsnamen, worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Immateriële activa met een beperkte gebruiksduur worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.

Immateriële activa met onbepaalde gebruiksduur worden niet afgeschreven. Zij worden jaarlijks op bijzondere waardevermindering getoetst en elke keer wanneer er een aanwijzing bestaat dat zij mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan.

3.9 IMMATERIËLE ACTIVA MET BEPERKTE GEBRUIKSDUUR 3.9.1 Opname en waardering

Immateriële vaste activa met beperkte gebruiksduur worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Kosten van onderzoek en ontwikkeling worden als een kost in de winst- en verliesrekening opgenomen in de periode waarin zij worden gemaakt, met uitzondering voor bepaalde kosten van ontwikkeling, welke op de balans worden opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat het ontwikkelingsproject een succes zal zijn en wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan zoals technische uitvoerbaarheid en het kunnen aantonen dat het ontwikkelingsproject waarschijnlijke toekomstige economische voordelen zal genereren. Kosten van ontwikkeling opgenomen op de balans worden afgeschreven op een systematische manier over hun geschatte gebruiksduur.

In overeenstemming met IFRS 3 Bedrijfscombinaties is de kostprijs van een immaterieel actief verworven in een bedrijfscombinatie de reële waarde van het immaterieel actief op overnamedatum. De reële waarde van een immaterieel actief weerspiegelt de marktverwachtingen over de waarschijnlijkheid dat toekomstige economische voordelen, vervat in het actief, naar de entiteit zullen toevloeien.

3.9.2 Uitgaven na eerste opname

Uitgaven na eerste opname worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Ze worden echter wel geactiveerd indien ze resulteren in een verhoging van het toekomstig economisch nut van de respectieve materiële vaste activa.

3.9.3 Afschrijvingen

Immateriële activa met een beperkte gebruiksduur, zoals verworven technologie en klantenrelaties worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de geschatte gebruiksduur, over het algemeen een periode van vijf tot vijftien jaar.

Afschrijvingsmethode, gebruiksduur en restwaarde worden op rapporteringsdatum telkens opnieuw beoordeeld en indien nodig aangepast.

3.10 MATERIËLE VASTE ACTIVA

3.10.1 Opname en waardering

De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.

De kostprijs van een materieel vast actief omvat:

  • de aankoopprijs, met inbegrip van invoerrechten en nietrestitueerbare belasting op de opbrengsten;
  • alle rechtstreeks toerekenbare kosten om het actief op de locatie en in de staat te krijgen die noodzakelijk is om te functioneren op de door het management beoogde wijze;
  • de eerste schatting van de kosten van ontmanteling en verwijdering van het actief, en van het herstel van het terrein waar het actief zich bevindt; de verplichting hiervoor wordt door de entiteit aangegaan wanneer het actief wordt verkregen, of ontstaat als gevolg van het gebruik gedurende een bepaalde periode voor andere doeleinden dan de productie van voorraden tijdens die periode;
  • geactiveerde financieringskosten.

Voor zelfvervaardigde materiële vaste activa omvatten de rechtstreeks toerekenbare kosten de directe materiaalkost, directe fabricagekosten, een evenredig deel van de vaste kosten van materiaal en fabricage, en een evenredig deel van de afschrijvingen van activa gebruikt bij de vervaardiging. De kostprijs omvat tevens een evenredig deel van de kosten voor het bedrijfspensioenplan, andere vrijwillige personeelsbeloningen van de onderneming en geactiveerde financieringskosten.

3.10.2 Uitgaven na eerste opname

Uitgaven voor de herstellingen van materiële vaste activa worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Ze worden echter wel geactiveerd indien ze resulteren in een verhoging van het toekomstig economisch nut van de respectieve materiële vaste activa.

3.10.3 Materiële vaste activa aangehouden op grond van lease-overeenkomsten

Lease-overeenkomsten die vrijwel alle aan het eigendom van een actief verbonden risico's en beloningen aan de Groep overdragen, worden als financiële lease beschouwd.

De activa verworven onder de vorm van financiële lease worden opgenomen voor een bedrag gelijk aan het laagste van de reële waarde en de contante waarde van de minimale lease-betalingen bij de aanvang van de lease-overeenkomst, verminderd met de geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.

3.10.4 Afschrijvingen

Materiële vaste activa worden vanaf datum van ingebruikname afgeschreven volgens de lineaire methode over de gebruiksduur van het actief tenzij op basis van het effectieve gebruik de degressieve methode meer aangewezen is.

Voor materiële vaste activa aangehouden op grond van leaseovereenkomsten stemt de afschrijvingsperiode overeen met de gebruiksduur of met de looptijd van de lease-overeenkomst, indien korter.

De geschatte gebruiksduur van de respectieve activa is de volgende:

Activa in eigendom

Gebouwen 20 tot 50 jaar
Andere bouwwerken 10 tot 20 jaar
Bedrijfsinstallaties 6 tot 20 jaar
Machines en uitrusting 6 tot 12 jaar
Laboratorium- en onderzoekinstallaties 3 tot 5 jaar
Rollend materieel 4 tot 8 jaar
Computermaterieel 3 tot 5 jaar
Bedrijfs- en kantooruitrusting 4 tot 10 jaar

De afschrijvingsperiode, economische levensduur en restwaarde van vaste activa worden op geregelde tijdstippen geëvalueerd en aangepast indien nodig.

3.11 BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGEN VAN GOODWILL, IMMATERIËLE ACTIVA EN MATERIËLE VASTE ACTIVA

Goodwill en immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur worden jaarlijks op bijzondere waardevermindering getoetst en elke keer wanneer er een aanwijzing bestaat dat zij mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan.

Het toetsen op bijzondere waardevermindering gebeurt ieder jaar op hetzelfde ogenblik en op het niveau van de kasstroomgenererende eenheid. De Groep bepaalt haar kasstroomgenererende eenheden in overeenkomst met de wijze waarop ze haar goodwill beheert en economische voordelen bekomt van de verworven goodwill en immateriële activa. Het toetsen op bijzondere waardevermindering gebeurt door het vergelijken van de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheden met hun realiseerbare waarde, gebaseerd op hun verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tegen een gepaste disconteringsvoet voor belastingen.

De disconteringsvoet die gebruikt wordt in de bepaling van de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen is een disconteringsvoet die gebaseerd is op een gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC). Deze gewogen gemiddelde kapitaalkost gebruikt een verhouding vreemd vermogen versus eigen vermogen van een gemiddelde marktparticipant waarbij een extra risicocomponent toegevoegd werd aan de kost van eigen vermogen. De kost van vreemd vermogen is gebaseerd op voorwaarden die vergelijkbare bedrijven voor hun langetermijnfinanciering zouden kunnen negotiëren. Het risico verbonden aan de verwachtingen van de prijsevoluties van zilver en aluminium is weerspiegeld in de toekomstige kasstromen.

Er wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt indien de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid zijn realiseerbare waarde overtreft. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen in de winsten verliesrekening.

Op iedere rapporteringsdatum dient te worden nagegaan of er een aanwijzing bestaat dat de boekwaarden van de materiële vaste activa, immateriële activa met een beperkte gebruiksduur en financiële activa mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan. Indien een dergelijke indicatie bestaat, wordt de realiseerbare waarde van het actief geraamd. Er wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt als de boekwaarde van een actief zijn realiseerbare waarde overtreft. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen in de winsten verliesrekening.

De realiseerbare waarde van de materiële vaste activa en immateriële activa met een beperkte gebruiksduur is de hoogste waarde van de reële waarde minus verkoopkosten en de gebruikswaarde. Voor de bepaling van de gebruikswaarde worden de geschatte toekomstige kasstromen verdisconteerd naar hun contante waarde op basis van een disconteringsvoet voor belastingen die de tijdswaarde van geld en de aan het actief verbonden specifieke risico's weerspiegelt.

Een bijzonder waardeverminderingsverlies dat in voorgaande perioden voor een actief, met uitsluiting van goodwill, werd opgenomen, wordt teruggeboekt als en slechts als er sinds de opname van het laatste bijzonder waardeverminderingsverlies een wijziging heeft plaatsgevonden in de schattingen die gebruikt worden om de realiseerbare waarde van het actief te bepalen.

3.12 NIET-AFGELEIDE FINANCIËLE ACTIVA

Niet-afgeleide financiële instrumenten omvatten een breed gamma aan financiële activa zoals geldmiddelen, vorderingen, investeringen in obligaties en aandelen.

Leningen en vorderingen worden in de balans opgenomen op het moment dat ze geïnitieerd worden. Alle andere financiële activa neemt de Groep op in haar balans op de transactiedatum, op het moment dat de Groep zich verbindt aan de contractuele bepalingen van het instrument.

De Groep neemt een financieel actief niet langer in de balans op vanaf het moment dat de contractuele rechten op de kasstromen uit het financieel actief aflopen of de Groep de contractuele rechten op de ontvangst van de kasstromen uit het financieel actief overdraagt in een transactie waarbij de risico's en voordelen van eigendom van het financieel actief overgedragen worden. Indien de entiteit nagenoeg alle risico's en voordelen van eigendom van het financieel actief noch overdraagt, noch behoudt, moet de entiteit vaststellen of zij zeggenschap over het financieel actief heeft behouden. In geval van verlies van zeggenschap mag de entiteit het financieel actief niet langer in de balans opnemen. Financiële activa en verplichtingen worden netto in de balans opgenomen, uitsluitend wanneer de Groep beschikt over een wettelijk recht om de bedragen netto voor te stellen en zij de intentie heeft om de betreffende activa en verplichtingen hetzij gelijktijdig hetzij netto af te wikkelen. De Groep classificeert financiële activa in de volgende vier categorieën: financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening, tot einde looptijd aangehouden beleggingen, leningen en vorderingen en voor verkoop beschikbare financiële activa.

3.12.1 Financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening

Een financieel actief wordt geclassificeerd als gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening als het wordt aangehouden voor handelsdoeleinden of als het bij eerste opname als dusdanig is aangemerkt. Niet-afgeleide financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening omvatten investeringen in beleggingsfondsen.

3.12.2 Tot einde looptijd aangehouden beleggingen

De beleggingen van de Groep in waardepapieren met vaste of bepaalbare betalingen en een vaste looptijd worden door de Groep geclassificeerd in de categorie tot einde looptijd aangehouden financiële activa, op voorwaarde dat de Groep het uitdrukkelijke voornemen heeft deze beleggingen aan te houden tot einde looptijd.

Bij eerste opname worden deze financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde inclusief direct toewijsbare transactiekosten.

Na eerste opname worden tot einde looptijd aangehouden beleggingen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs volgens de effectieve rentemethode, verminderd met bijzondere waardeverminderingsverliezen (zie toelichting 3.13). Tot einde looptijd aangehouden beleggingen omvatten zowel kortetermijnbeleggingen in waardepapieren die onder 'Geldmiddelen en kasequivalenten' worden getoond als langetermijnbeleggingen in waardepapieren opgenomen onder 'Financiële activa'.

3.12.3 Leningen en vorderingen

Leningen en vorderingen zijn niet-afgeleide financiële activa met vaste of bepaalbare betalingen die niet op een actieve markt zijn genoteerd. Deze financiële activa worden bij eerste opname gewaardeerd tegen reële waarde inclusief direct toewijsbare transactiekosten. Na eerste opname worden leningen en vorderingen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs volgens de effectieve rentemethode, verminderd met bijzondere waardeverminderingsverliezen (zie toelichting 3.13). Leningen en vorderingen omvatten zowel handelsvorderingen, invorderbare minimale lease-betalingen, geldmiddelen en korte termijn deposito's en cheques als leningen en vorderingen die opgenomen zijn onder 'Financiële activa'.

Geldmiddelen en kasequivalenten opgenomen in de categorie 'Leningen en vorderingen' omvatten geldmiddelen, deposito's en cheques met een looptijd die doorgaans korter is dan drie maanden te rekenen vanaf de datum van verwerving, waarvoor het risico op veranderingen in de reële waarde onbelangrijk is. De Groep gebruikt deze financiële activa in het kader van haar kortetermijnverplichtingen.

3.12.4 Voor verkoop beschikbare financiële activa

Voor verkoop beschikbare financiële activa zijn niet-afgeleide

financiële activa die worden aangemerkt als voor verkoop beschikbaar en die niet worden geclassificeerd in één van de voorgaande categorieën. Voor verkoop beschikbare financiële activa worden gewaardeerd aan reële waarde vermeerderd met direct toewijsbare overnamekosten, behalve nietgenoteerde effecten waarvoor de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan worden bepaald. Deze activa worden geboekt tegen kostprijs. Winsten en verliezen die voortvloeien uit de verandering in de reële waarde van een belegging die wordt geclassificeerd als financieel actief beschikbaar voor verkoop én die geen voorwerp uitmaakt van een afdekkingrelatie, worden rechtstreeks via de niet-gerealiseerde resultaten geboekt. Beleggingen van de Groep in aandelen en sommige beleggingen in waardepapieren worden geclassificeerd als voor verkoop beschikbare financiële activa.

Wanneer de belegging wordt verkocht, ontvangen of anderszins vervreemd of wanneer de boekwaarde van de belegging afgeboekt wordt als gevolg van een bijzondere waardevermindering, wordt op dat ogenblik de gecumuleerde winst (het verlies) die voordien begrepen was in het eigen vermogen overgeboekt naar de winst- en verliesrekening.

3.13 BIJZONDERE WAARDEVERMINDERING VAN NIET-AFGELEIDE FINANCIELE ACTIVA

Voor een financieel actief dat niet wordt gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening moet aan het eind van elk boekjaar worden beoordeeld of er objectieve aanwijzingen zijn voor bijzondere waardeverminderingsverliezen. Bij aanwezigheid van dergelijke aanwijzingen moet de entiteit de realiseerbare waarde inschatten.

3.13.1 Financiële activa gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs

Voor leningen en vorderingen en tot einde looptijd aangehouden beleggingen van de Groep die tegen geamortiseerde kostprijs worden gewaardeerd, is de realiseerbare waarde gelijk aan de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen, contant gemaakt tegen de oorspronkelijke effectieve rentevoet van het financieel actief (dat wil zeggen de bij eerste opname berekende effectieve rentevoet). Wanneer de boekwaarde van een financieel actief hoger is dan haar realiseerbare waarde dient de boekwaarde van het betreffende actief te worden verminderd door het vormen van een voorziening. Het verliesbedrag moet in de winst- en verliesrekening worden opgenomen.

Een bijzonder waardeverminderingsverlies dat in voorgaande perioden voor een actief werd opgenomen, wordt teruggeboekt als en slechts als er sinds de opname van het laatste bijzonder waardeverminderingsverlies een wijziging heeft plaatsgevonden in de schattingen die gebruikt worden om de realiseerbare waarde van het actief te bepalen.

De Onderneming beoordeelt minstens op kwartaalbasis de belangrijkste uitstaande handelsvorderingen (die in totaal ±70% van de totale uitstaande vorderingen vertegenwoordigen) individueel op hun inbaarheid.

Aanpassingen aan de rekening van de waardeverminderingsverliezen worden gemaakt op basis van professionele oordeelsvorming en met in acht name van volgende algemene principes:

  • alle vorderingen waarvoor de inning door de juridische afdeling wordt opgevolgd worden volledig afgewaardeerd;
  • de resterende uitstaande vorderingen andere dan vorderingen die individueel op inbaarheid worden beoordeeld of door het juridisch departement worden behandeld – worden afgewaardeerd op basis van het aantal dagen dat de bedragen invorderbaar zijn;
  • niet-inbare vorderingen waarvoor een kredietverzekering werd afgesloten worden uitsluitend afgewaardeerd voor het risico dat bij de Groep blijft;
  • uitstaande vorderingen afgedekt door een kredietbrief worden niet afgewaardeerd.

Om het kredietrisico op invorderbare minimale lease-betalingen af te dekken, beoordeelt de Onderneming minstens op kwartaalbasis alle uitstaande vorderingen individueel op hun inbaarheid. Aanpassingen aan de rekening van de waardeverminderingsverliezen worden doorgaans gemaakt op basis van het aantal dagen dat de bedragen invorderbaar zijn. Afwijkingen blijven echter mogelijk op basis van onderliggende informatie verkregen van het 'Credit and Collections'-departement. Bij de beoordeling van de inbaarheid van invorderbare minimale lease-betalingen houdt het management rekening met de marktwaarde van het onderliggend actief, kredietverzekering en het bestaan van een kredietbrief.

3.13.2 Voor verkoop beschikbare financiële activa

Voor verkoop beschikbare financiële activa omvatten investeringen in aandelen en rentedragende instrumenten, andere dan investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode, en worden geboekt aan reële waarde, met uitzondering van de aandelen die

niet op een actieve markt zijn genoteerd en waarvoor de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan worden bepaald.

Bijzondere waardeverminderingen op voor verkoop beschikbare financiële activa welke aan reële waarde worden gewaardeerd, worden opgenomen door het omboeken van de gecumuleerde verliezen tot dan opgenomen in de reële waardereserve van de niet-gerealiseerde resultaten naar de winst- en verliesrekening.

Het gecumuleerde verlies dat vanuit de niet-gerealiseerde resultaten naar de winst- en verliesrekening wordt omgeboekt, is het verschil tussen de aankoopprijs, na eventuele terugbetaling van de hoofdsom en na amortisatie, en de actuele reële waarde verminderd met bijzondere waardeverminderingsverliezen erkend in vroegere winsten verliesrekeningen. Wanneer, in een erop volgende periode, de reële waarde van voor verkoop beschikbare waardepapieren (andere dan aandelen) toeneemt en de toename kan met redelijke zekerheid worden toegewezen aan een gebeurtenis die heeft plaats gevonden nadat een bijzonder waardeverminderingsverlies voor een actief werd opgenomen, dan wordt het waardeverminderingsverlies teruggeboekt waarbij het bedrag van de terugboeking in de winst- en verliesrekening wordt opgenomen. In het geval dat de reële waarde van een voor verkoop beschikbaar financieel actief waarop een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt werd, kan gerecupereerd worden, wordt deze in de niet-gerealiseerde resultaten opgenomen.

3.14 ACTUELE VORDERINGEN EN VERPLICHTINGEN UIT WINSTBELASTINGEN EN OVERIGE BELASTINGVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN

Actuele vorderingen uit winstbelastingen voor huidige en voorgaande boekjaren worden, in de mate onbetaald, opgenomen in de balans als een verplichting. Wanneer het bedrag betaald in huidige of voorgaande boekjaren de over deze periode verschuldigde bedragen overtreft, dan wordt voor dit positief verschil een actief erkend. Actuele vorderingen en verplichtingen uit winstbelastingen worden gewaardeerd aan kostprijs.

Overige belastingvorderingen en -verplichtingen betreffen overige belastingen zoals BTW en andere indirecte belastingen. Zij worden gewaardeerd aan kostprijs.

De actuele belastingvorderingen en -verplichtingen worden gecompenseerd – zowel deze uit winstbelastingen als uit overige belastingen – wanneer ze betrekking hebben op belastingen, geheven door dezelfde belastingautoriteit en ze gewoonlijk netto worden afgewikkeld.

3.15 OVERIGE ACTIVA

Overige activa omvatten uitgestelde kosten en andere nietfinanciële activa. Uitgestelde kosten betreffen door de onderneming voor balansdatum betaalde bedragen die betrekking hebben op kosten voor toekomstige boekjaren (vooruitbetalingen). Voorbeelden van uitgestelde kosten zijn de huurgelden, intresten en verzekeringspremies, betaald voor balansdatum maar met betrekking tot een welbepaalde periode na balansdatum.

Niet-financiële activa worden gewaardeerd aan kostprijs. Uitgestelde kosten worden lineair of naarmate de betreffende diensten worden verstrekt opgenomen in de winst- en verliesrekening.

3.16 DERIVATEN EN AFDEKKINGTRANSACTIES

De Groep maakt gebruik van derivaten voor het beheer van het wisselkoers- en renterisico dat voortvloeit uit de operationele, financiële en investeringsactiviteiten.

In het kader van haar huidige thesauriepolitiek wendt de Groep geen derivaten aan voor handelsdoeleinden. Derivaten die economische afdekkingen zijn, doch die niet voldoen aan de strikte criteria voor 'hedge accounting' zoals voorgeschreven door IAS 39 Financiële instrumenten: opname en waardering, worden boekhoudkundig verwerkt als financiële activa of financiële verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening.

Derivaten worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde op de datum waarop het contract werd afgesloten (transactiedatum) en worden vervolgens geherwaardeerd tegen hun reële waarde. Het effectieve gedeelte van de winsten of verliezen uit kasstroomafdekkingen en afdekkingen van een nettoinvestering in een buitenlandse entiteit wordt opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten. Het niet-effectieve gedeelte van voormelde afdekkingen wordt verwerkt in de winsten verliesrekening.

Kasstroomafdekkingen, reële-waardeafdekkingen of afdekkingen van netto-investeringen in buitenlandse entiteiten worden toegepast voor alle afdekkingen die in aanmerking komen voor 'hedge accounting' wanneer de vereiste documentatie van de afdekkingsrelatie bestaat en wanneer de afdekking effectief is.

De reële waarden van derivaten afgesloten ter afdekking van het renterisico worden berekend op basis van verdisconteerde verwachte toekomstige kasstromen, rekening houdend met actuele marktrentevoeten en de rendementscurve over de resterende looptijd van het instrument. De reële waarden van termijnwisselcontracten zijn de genoteerde marktwaarden op rapporteringsdatum, zijnde de contante waarde van de genoteerde termijnkoersen.

3.16.1 Reële-waardeafdekkingen

Winsten of verliezen die voortvloeien uit de herwaardering van derivaten die formeel werden toegewezen voor de afdekking van de veranderingen in reële waarde van een opgenomen actief of verplichting of een nietopgenomen vaststaande toezegging worden opgenomen in de winst- en verliesrekening. De afgedekte positie wordt eveneens gewaardeerd tegen reële waarde toewijsbaar aan het afgedekte risico, waarbij winsten of verliezen op de afgedekte positie worden opgenomen in de winsten verliesrekening.

3.16.2 Kasstroomafdekkingen

Het effectieve deel van de winsten of verliezen uit de reële waardeveranderingen van derivaten die als afdekkinginstrument specifiek toegewezen werden ter afdekking van de variabiliteit van kasstromen, gekoppeld aan een bepaald risico van een opgenomen actief of verplichting of een zeer waarschijnlijke verwachte toekomstige transactie, wordt opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten.

Indien de afdekking van een verwachte toekomstige transactie tot de opname van een niet-financieel actief of een niet-financiële verplichting leidt, worden de gecumuleerde winsten of verliezen tot dan toe opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten, overgeboekt naar de initiële boekwaarde van het ingedekte actief van waaruit ze nadien overgeboekt worden naar de winst- en verliesrekening, wanneer het verworven actief of de opgenomen verplichting de winst- en verliesrekening beïnvloedt. Leidt een afdekking van een verwachte toekomstige transactie tot de opname van een financieel actief of een financiële verplichting, dan wordt de cumulatieve winst of het cumulatieve verlies op het afdekkinginstrument uit de niet-gerealiseerde resultaten overgebracht naar de winst- en verliesrekening op het moment dat de toekomstige kasstroom de nettowinst of het nettoverlies beïnvloedt (voornamelijk wanneer de verwachte toekomstige transactie plaatsvindt of wanneer de variabele interestlast wordt opgenomen). Het niet-effectieve deel wordt onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen.

Wanneer het afdekkinginstrument afloopt of wordt verkocht, beëindigd of uitgeoefend, of wanneer de afdekking niet langer voldoet aan de criteria voor 'hedge accounting', dient de cumulatieve winst of het cumulatieve verlies (op dat ogenblik) op het afdekkinginstrument in de

niet-gerealiseerde resultaten opgenomen te blijven tot de verwachte toekomstige transactie plaatsvindt.

Dergelijke transacties worden verwerkt zoals beschreven in voorgaande paragraaf.

Indien de afgedekte transactie niet langer waarschijnlijk blijkt, worden alle gecumuleerde niet-gerealiseerde winsten of verliezen op dat moment overgedragen van de niet-gerealiseerde resultaten naar de winst- en verliesrekening.

3.17 VOORRADEN

Grondstoffen, hulpgoederen en handelsgoederen zijn gewaardeerd aan aanschaffingswaarde.

Goederen in bewerking en afgewerkte producten zijn gewaardeerd aan kostprijs. De kostprijs omvat naast de directe productie- en materiaalkosten, een evenredig deel van de indirecte kosten ('overheads') van de productie en het materiaal en een evenredig deel van de afschrijvingen van de activa die in het productieproces werden gebruikt. Bovendien wordt een evenredig deel van de kosten voor het bedrijfspensioenplan en andere vrijwillige personeelsbeloningen toegerekend. Administratiekosten zijn inbegrepen voor zover ze verband houden met de productie.

De voorraden worden gewaardeerd volgens de methode van de gewogen gemiddelde kostprijs.

Indien de aanschaffingswaarde of de kostprijs hoger is dan de opbrengstwaarde, wordt de waardering aan de lagere opbrengstwaarde toegepast. De opbrengstwaarde is gelijk aan de geschatte normale verkoopprijs, verminderd met de geschatte kosten die nodig zijn om de verkoop te realiseren.

De aanschaffingswaarde of kostprijs van de voorraad is om volgende redenen mogelijks niet recupereerbaar:

  • Overtollige voorraad: dit wordt bepaald op basis van een lijst van producten zonder of met weinig beweging of producten dicht bij vervaldatum;
  • Beschadigde producten of producten met kwaliteitsproblemen;
  • Gedaalde verkoopprijzen.

Binnen de Groep zijn afwaarderingen van voorraden voornamelijk het gevolg van overtollige voorraden.

3.18 GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN

Geldmiddelen en kasequivalenten omvatten geldmiddelen, ontvangen cheques, en saldi ten opzichte van banken en kredietinstellingen. Kasequivalenten zijn erg liquide financiële instrumenten op korte termijn die weinig onderhevig zijn aan risico's op waardeverandering, gemakkelijk te converteren zijn in geldmiddelen en een vervaldag hebben gelijk aan of minder dan dertig dagen na aanschaffing of belegging.

3.19 VASTE ACTIVA AANGEHOUDEN VOOR VERKOOP

De Groep classificeert een vast actief (of een groep activa die wordt afgestoten) als aangehouden voor verkoop wanneer zijn boekwaarde hoofdzakelijk zal worden gerealiseerd in een verkooptransactie en niet door het voortgezette gebruik ervan.

Onmiddellijk voordat het actief voor het eerst wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, waardeert de Groep de boekwaarde van het actief (of van alle activa en verplichtingen in de Groep) overeenkomstig met de van toepassing zijnde IFRS. Bij de initiële classificatie als aangehouden voor verkoop, worden vaste activa en groepen van activa die worden afgestoten, gewaardeerd tegen de laagste waarde van hun boekwaarde en hun reële waarde minus de verkoopkosten. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen voor elke eerste of latere afschrijving van een actief (of een groep activa die wordt afgestoten) tot de reële waarde minus verkoopkosten. Vaste activa aangehouden voor verkoop worden niet langer afgeschreven.

3.20 MAATSCHAPPELIJK KAPITAAL

Gewone aandelen worden opgenomen in het eigen vermogen. Transactiekosten verbonden aan de uitgifte van nieuwe aandelen worden netto na aftrek van belastingen opgenomen in mindering van ingehouden winsten.

Indien aandelen die het eigen vermogen vertegenwoordigen terug worden ingekocht, wordt het betaalde bedrag met inbegrip van de aanverwante kosten, netto na aftrek van belastingen, in mindering gebracht van het eigen vermogen. Ingekochte eigen aandelen worden als 'Reserve voor eigen aandelen' in mindering van het eigen vermogen gebracht. Vernietigde eigen aandelen worden getransfereerd van 'Reserve voor eigen aandelen' naar 'Ingehouden winsten'.

3.21 PERSONEELSBELONINGEN

Voor de boekhoudkundige behandeling van verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding maakt IFRS een onderscheid tussen toegezegdebijdrageregelingen en toegezegdpensioenregelingen. De classificatie is afhankelijk van de partij – Onderneming of werknemer – die het actuarieel en investeringsrisico draagt.

Bij een toegezegdebijdrageregeling draagt de werknemer alle risico's en dient de Onderneming bijgevolg geen verplichting op te nemen in haar geconsolideerde jaarrekening tenzij met betrekking tot onbetaalde bijdragen. Bij toegezegdpensioenregelingen draagt de Onderneming het actuarieel en investeringsrisico en dient zij bijgevolg een verplichting op te nemen in de balans. De boekhoudkundige verwerking van sommige hybride plannen welke kenmerken van beide types, toegezegdebijdrageregeling en toegezegdpensioenregeling, vertonen worden niet behandeld in IFRS 19 Personeelsbeloningen.

Een voorbeeld van dergelijke hybride plannen zijn de Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement. Aangezien IFRS de boekhoudkundige verwerking van deze plannen niet specifieert heeft het management een passende en betrouwbare boekhoudkundige regel voor deze plannen opgesteld.

3.21.1 Toegezegdebijdrageregelingen

De betaalde bijdrage wordt onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen.

Ze wordt toegewezen aan de kosten volgens hun functie: kostprijs van verkopen, kosten van onderzoek en ontwikkeling, verkoopkosten en algemene beheerskosten.

3.21.2 Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement

Belgische toegezegdebijdrageregelingen vallen onder toepassingsgebied van de Wet van 28 april 2003 op de aanvullende pensioenen, kort WAP genoemd. Volgens artikel 24 van deze wet is de werkgever verplicht een minimum rendement van 3,75% op de persoonlijke bijdragen van de werknemer en 3,25% op de bijdragen van de werkgever te garanderen. Artikel 24 van de WAP verplicht de werkgever om op datum van de beëindiging van het plan de bijdragen gekapitaliseerd aan voornoemde vooropgestelde rendementen te garanderen. Omwille van de aard, voldoen pensioenplannen die voorzien in voordelen aan het personeel op basis van gewaarborgd rendement niet aan de definitie van toegezegdbijdrageregeling zoals beschreven in IFRS. Bijgevolg dienen deze per definitie als toegezegdpensioenregeling te worden gerangschikt wat een waardering van de verplichting vereist. Voor de waardering van de verplichting past het management een methode op basis van intrinsieke waarde toe. Volgens deze methode wordt de verplichting per aangeslotene bepaald als het verschil tussen de wiskundige reserves, zijnde de reserves berekend door alle

betaalde bijdragen te kapitaliseren aan de rentevoet zoals gegarandeerd door de verzekeraar – rekening houdend met de winstdeelnamereserve en de minimumreserve berekend conform artikel 24 van de WAP. Deze beoordeling houdt eveneens rekening met aan betreffende plannen toewijsbare saldi van financieringsfondsen. Het management is van oordeel dat deze methode geschikter is dan de 'projected unit credit (PUC)'-methode die IFRS oplegt voor 'zuivere' toegezegdpensioenregelingen. De PUC-methode wordt verder in detail onder 3.21.3 'Toegezegdpensioenregelingen' besproken.

Bij toepassing van de PUC-methode wordt een voorziening betreffende de toekomstige carrière van elke werknemer aangelegd en dit vanaf het moment dat deze werknemer tot het plan toetreedt. Bij een pensioenplan met gewaarborgd rendement heeft de sponsor van het plan de verplichting om het rendement dat op datum van de beëindiging van het plan werd vooropgesteld te garanderen en moet elke eventuele onderfinanciering die op dat moment aanwezig is aanzuiveren. Daarna heeft de sponsor van het plan geen enkele verplichting meer ten aanzien van de betreffende werknemers, dit in tegentelling tot toegezegdpensioenregelingen welke in periodieke renten voorzien.

Bovendien, omwille van de prognoses die voor de PUC-methode worden gebruikt, genereert het toepassen van deze methode in het algemeen initieel een belangrijke voorziening doordat een eventuele onderfinanciering op balansdatum dient te worden erkend. Het management meent dat een zuivere en eenvoudige toepassing van de PUC-methode ten aanzien van Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement niet tot een getrouw beeld van de verplichting van de sponsor van het plan leidt noch relevante informatie aan de gebruikers van jaarrekeningen verstrekt.

Bijdragen betaald voor Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Ze wordt toegewezen aan de kosten volgens hun functie: kostprijs van verkopen, kosten van onderzoek en ontwikkeling, verkoopkosten en algemene beheerskosten.

3.21.3 Toegezegdpensioenregelingen

De boekwaarde op de balans van toegezegdpensioenregelingen wordt bepaald als de contante waarde van de brutoverplichtingen uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen verminderd met de reële waarde van fondsbeleggingen. Wanneer deze berekening een nettosurplus oplevert, dan wordt de waarde van het hieruit resulterend opgenomen actief begrensd tot het totaal van de contante waarde van de economische voordelen die beschikbaar zijn in de vorm van terugbetalingen uit de

regeling of verlagingen van toekomstige bijdragen aan de regeling.

De contante waarde van de brutoverplichtingen uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen (DBO) en de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten worden door een gekwalificeerd actuaris berekend volgens de 'Projected Unit Credit'-methode (PUC).

Volgens deze methode worden de toekomstige jaarlijkse uitkeringen verdisconteerd aan een veronderstelde interestvoet. De totale verplichting die hieruit voortvloeit wordt vervolgens toegerekend aan de verstreken diensttijd – die de DBO vertegenwoordigt – en aan het huidige dienstjaar – die de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten vertegenwoordigen. De veronderstelde interestvoet is de disconteringsvoet bepaald op basis van het marktrendement op rapporteringsdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de geschatte looptijd van de brutoverplichtingen uit hoofde van vergoedingen na uitdiensttreding.

Bij het bepalen van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen wordt rekening gehouden met toekomstige aanpassingen in salarissen en pensioenuitkeringen. De DBO omvat tevens de netto actuele waarde van de effecten van belastingen die door het plan verschuldigd zijn op bijdragen of vergoedingen met betrekking tot de verstreken diensttijd.

Het bedrag dat in de winst- en verliesrekening wordt geboekt, bestaat uit de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten, de pensioenkosten van verstreken diensttijd, het effect van enige inperkingen en afwikkelingen van een toegezegdpensioenregeling, de interest op de nettoverplichting en administratieve kosten en belastingen. De aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten evenals andere administratieve kosten die geen verband houden met het beheer van de fondsbeleggingen worden toegewezen aan de kosten volgens hun functie: kostprijs van verkopen, kosten van onderzoek en ontwikkeling, verkoopkosten en algemene beheerskosten.

Pensioenkosten van verstreken diensttijd worden onmiddellijk als kost opgenomen onder 'Overige bedrijfskosten'. Winsten of verliezen op de inperking of afwikkeling van een toegezegdpensioenregeling worden erkend in 'Overige bedrijfsopbrengsten', respectievelijk 'Overige bedrijfskosten' op het moment dat de inperking of afwikkeling plaatsvindt.

Administratieve kosten die verbonden zijn aan het beheer van fondsbeleggingen en belastingen die rechtstreeks gelinkt zijn aan het rendement van de fondsbeleggingen en die door het plan worden gedragen zijn mee begrepen in het rendement op de fondsbeleggingen en worden opgenomen in de staat van de niet-gerealiseerde resultaten over het boekjaar, na winstbelastingen.

De interest op de nettoverplichting van toegezegdpensioenregelingen wordt in de winst- en verliesrekening opgenomen onder 'Overige financiële kosten'. Ze wordt berekend door de disconteringsvoet die gebruikt wordt voor de berekening van de contante waarde van de brutoverplichting toe te passen op de nettoverplichting. De interest op de nettoverplichting wordt uitgesplitst over de interestopbrengsten op fondsbeleggingen en interestkosten op de contante waarde van de brutoverplichting. Het verschil tussen de interestopbrengsten en het rendement op fondsbeleggingen wordt opgenomen in de rapporteringslijn 'Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen' en gepresenteerd in het overzicht van de niet-gerealiseerde resultaten.

Naast het verschil tussen het rendement op de fondsbeleggingen en de bedragen welke begrepen zijn in de interest op de nettoverplichting, omvat de rapporteringslijn 'Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen' tevens actuariële winsten en verliezen die bijvoorbeeld resulteren uit een aanpassing van de aanname inzake disconteringsvoet. Al deze effecten uit herwaarderingen worden getoond in het overzicht van de niet-gerealiseerde resultaten.

Plannen die voorzien in een 'stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT)', worden beschouwd als ontslagvergoedingen (zie 3.21.4).

3.21.4 Ontslagvergoedingen

Ontslagvergoedingen worden opgenomen als een verplichting en als een last wanneer een groepsonderneming zich aantoonbaar heeft verbonden tot ofwel:

  • het beëindigen van de tewerkstelling van een werknemer of groep van werknemers vóór de normale pensioendatum; of
  • de betaling van ontslagvergoedingen als gevolg van een aanbod ter aanmoediging van vrijwillige pensionering en in de mate dat het waarschijnlijk is dat de werknemers het aanbod zullen aanvaarden.

Wanneer ontslagvergoedingen verschuldigd zijn na twaalf maanden volgend op de rapporteringsdatum, dan worden ze verdisconteerd

aan een disconteringsvoet gelijk aan het marktrendement op rapporteringsdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de termijn van de verplichtingen van de Groep.

De interestimpact van de afwikkeling en waardering van ontslagvergoedingen aan de op balansdatum geldende disconteringsvoeten wordt in de winst- en verliesrekening opgenomen onder 'Overige financieringskosten'. De impact van toe- en afnamen van de verplichtingen van de Groep betreffende ontslagvergoedingen wordt opgenomen onder 'Overige bedrijfskosten' – Reorganisatiekosten.

3.21.5 Overige langetermijnpersoneelsbeloningen

De nettoverplichting van de Groep uit hoofde van langetermijnpersoneelsbeloningen andere dan bedrijfspensioenplannen, levensverzekeringsplannen en plannen voor medische bijstand heeft betrekking op de pensioenaanspraken die werknemers hebben opgebouwd in ruil voor hun diensten in de verslagperiode en voorgaande perioden.

Deze verplichting wordt berekend op basis van de 'projected unit credit'-methode en wordt verdisconteerd om de contante waarde te bepalen en de reële waarde van hiermee samenhangende activa wordt hierop in mindering gebracht. De gebruikte disconteringsvoet is het marktrendement op rapporteringsdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de geschatte looptijd van de verplichtingen van de Groep.

In tegenstelling tot de boekhoudkundige verwerking van toegezegdpensioenregelingen worden herwaarderingen van overige langetermijnpersoneelsbeloningen niet getoond in het overzicht van de niet-gerealiseerde resultaten, maar erkend in de winst-en verliesrekening.

3.21.6 Kortetermijnpersoneelsbeloningen

De verplichtingen uit hoofde van kortetermijnpersoneelsbeloningen worden gewaardeerd op een nietverdisconteerde basis. Ze worden in de winst- en verliesrekening opgenomen in de periode waarin de gerelateerde prestaties worden geleverd. Een verplichting wordt opgenomen voor de personeelsbeloningen die betaalbaar zijn binnen de twaalf maanden op voorwaarde dat de Groep een bestaande in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft om dergelijke betalingen te doen als gevolg van verleende prestaties in het

verleden en indien de verplichting op een betrouwbare manier kan worden bepaald.

3.22 VOORZIENINGEN

Voorzieningen worden in de balans opgenomen indien een onderneming van de Groep een bestaande verplichting heeft (in rechte afdwingbare of feitelijke) tengevolge van een gebeurtenis van het verleden en als het waarschijnlijk is dat de afwikkeling van deze verplichting resulteert in een uitstroom van middelen die economische voordelen in zich bergen en een betrouwbare inschatting gemaakt kan worden van het bedrag van de verplichting.

Het bedrag van de voorziening is gebaseerd op de best mogelijke schatting van de uitgaven die vereist zijn om de bestaande verplichting op de rapporteringsdatum af te wikkelen.

Indien het effect van de tijdswaarde van geld materieel is, worden voorzieningen verdisconteerd op basis van een disconteringsvoet vóór belastingen waarbij rekening wordt gehouden met de huidige marktbeoordelingen voor de tijdswaarde van het geld en de risico's die inherent zijn aan de verplichting.

3.22.1 Reorganisatiekosten

Een voorziening voor reorganisatiekosten wordt geboekt indien de Groep formeel een gedetailleerd reorganisatieplan heeft goedgekeurd en bij de betrokkenen een geldige verwachting heeft gewekt dat de reorganisatie zal worden doorgevoerd door het plan te beginnen uitvoeren of door de belangrijke kenmerken ervan mee te delen aan de betrokkenen. Voor toekomstige exploitatieverliezen worden geen voorzieningen opgenomen.

3.22.2 Milieu

Indien er terreinen vervuild zijn, dan wordt er, in overeenstemming met de gepubliceerde milieupolitiek van de Groep en de van toepassing zijnde wettelijke verplichtingen, een voorziening voor bodemsanering aangelegd.

3.22.3 Omzet gerelateerd

Omzet gerelateerde voorzieningen omvatten voornamelijk te betalen bedragen aan klanten met betrekking tot tijdens het boekjaar geleverde goederen en diensten, zoals omzetkortingen en rabatten, commissies betaalbaar aan agenten, voorzieningen voor garantieverplichtingen en commerciële betwistingen alsook voorzieningen voor verlieslatende contracten.

Een voorziening voor garantieverplichtingen ter waarde van de voor de Groep ingeschatte vervangingskost wordt aangelegd op het moment

dat de opbrengsten in de winst- en verliesrekening worden opgenomen.

3.22.4 Verlieslatende contracten

Een voorziening wordt aangelegd voor overeenkomsten waarbij de onvermijdelijke kosten die nodig zijn om de verplichtingen uit hoofde van het contract na te komen, hoger liggen dan de economische voordelen die naar verwachting uit het contract worden ontvangen.

3.23 NIET-AFGELEIDE FINANCIELE VERPLICHTINGEN

Niet-afgeleide financiële verplichtingen omvatten obligatieleningen, bankschulden, 'revolving' en andere kredietfaciliteiten, handelsschulden en overige te betalen posten.

Financiële verplichtingen worden opgenomen in de balans op transactiedatum, zijnde het moment dat de Groep zich verbindt aan de contractuele bepalingen van het instrument.

De rentedragende verplichtingen worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde, verminderd met direct toewijsbare transactiekosten. Na de initiële waardering worden de rentedragende verplichtingen opgenomen tegen geamortiseerde kostprijs, waarbij het verschil tussen het initiële bedrag en het aflossingsbedrag pro rata temporis in de winst- en verliesrekening wordt opgenomen op basis van de effectieve rentemethode.

De Groep neemt een financiële verplichting niet langer op in haar balans wanneer de contractuele verplichtingen teniet gaan, ontbonden worden of aflopen.

3.24 UITGESTELDE OPBRENGSTEN EN UITGESTELDE OVERIGE BEDRIJFSOPBRENGSTEN

Bedragen die conform de contractuele bepalingen aan de klanten kunnen worden gefactureerd, maar nog niet verworven zijn, worden in de balans opgenomen als uitgestelde opbrengsten. Zij hebben voornamelijk betrekking op overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aan de klant worden aangeboden en onderhoudscontracten. Uitgestelde opbrengsten worden in de winst- en verliesrekening opgenomen conform de criteria voor het erkennen van opbrengsten zoals beschreven onder 3.3.

Naar analogie met de uitgestelde opbrengsten hebben de uitgestelde overige bedrijfsopbrengsten betrekking op overige bedrijfsopbrengsten die nog niet verworven zijn. Uitgestelde overige bedrijfsopbrengsten worden op de balans opgenomen onder 'Overlopende rekeningen – langlopende verplichtingen' en 'Overige verplichtingen – kortlopende verplichtingen.

Overheidssubsidies zijn een typisch voorbeeld van uitgestelde overige bedrijfsopbrengsten. Ze worden als bedrijfsopbrengst in de winst- en verliesrekening opgenomen zodra er redelijke zekerheid bestaat dat zij zullen worden ontvangen en dat de Groep zal voldoen of reeds voldoet aan de daaraan verbonden voorwaarden. Subsidies ter compensatie van door de Groep gemaakte kosten worden in de winst- en verliesrekening opgenomen in dezelfde functionele rapporteringslijn waar tevens de kosten worden gepresenteerd.

Zij worden systematisch aan de kosten toegewezen waarop ze betrekking hebben.

Subsidies, toegekend voor de aankoop of productie van activa (immateriële activa of materiële vaste activa), worden bij eerste opname in de balans gepresenteerd als uitgestelde overige bedrijfsopbrengsten en vervolgens in de winst- en verliesrekening opgenomen, gespreid over de gebruiksduur van het actief.

Overheidssubsidies toegekend voor toekomstige kosten worden verwerkt als uitgestelde overige bedrijfsopbrengsten.

4. NIEUWE STANDAARDEN EN INTERPRETATIES VAN STANDAARDEN GEPUBLICEERD, NOG NIET VAN KRACHT PER EINDE BOEKJAAR

Een aantal reeds gepubliceerde IFRS-standaarden, herzieningen aan IFRSstandaarden en nieuwe interpretaties van IFRS-standaarden waren nog niet van kracht per 31 december 2015 en werden aldusdanig niet toegepast in de opstelling van de geconsolideerde jaarrekening. De Groep zal deze standaarden toepassen nadat deze zijn goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie. Het betreft:

• IFRS 9 Financiële instrumenten

In november 2009 publiceerde de IASB, IFRS 9 Financiële instrumenten, die de classificatie en waarderingsgrondslagen van financiële activa aanpast, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2018. Deze standaard werd nog niet goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie.

In overeenstemming met IFRS 9 dient de entiteit na eerste opname alle financiële activa te waarderen ofwel tegen geamortiseerde kostprijs ofwel tegen reële waarde in overeenstemming met het business model dat de entiteit gebruikt voor het beheer van de financiële activa en overeenkomstig de kenmerken van de contractuele kasstromen verbonden aan het financieel actief.

Winsten of verliezen op financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde en niet deel uitmakend van een afdekkingsrelatie worden geboekt in de winst- en verliesrekening met uitzondering van investeringen in aandelen. Winsten en verliezen op financiële activa gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs en niet deel uitmakend van een afdekkingsrelatie worden in de winst- en verliesrekening geboekt op het moment dat het financieel actief wordt uitgeboekt, er een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt wordt op het financieel actief, of het financieel actief geherclassificeerd wordt.

In oktober 2010 publiceerde de IASB een aanpassing aan IFRS 9 die de standaard uitbreidt met de principes voor de boekhoudkundige verwerking van financiële verplichtingen en de vervreemding van actief- en passiefbestanddelen.

In november 2013 publiceerde de IASB een aanpassing aan IFRS 9 waarbij een nieuw model voor hedge accounting werd ingevoerd, alsook nieuwe verplichtingen voor de boekhoudkundige verwerking en voorstelling van door de onderneming uitgegeven schuldbewijzen gewaardeerd aan reële waarde. Met de invoering van het nieuwe model voor hedge accounting, werd tevens een aanpassing gepubliceerd aan IFRS 7 Financiële Instrumenten: Toelichtingen, die bijkomende toelichtingen vereist voor hedge accounting.

In juli 2014 publiceerde de IASB een aanpassing waarbij nieuwe vereisten werden opgenomen inzake het boeken van bijzondere waardeverminderingsverliezen, de boekhoudkundige verwerking van afdekkingstransacties en uitboeking van activa. Het model voor het boeken van bijzondere waardeverminderingsverliezen is gebaseerd op de verwachte verliezen.

De toepassing van IFRS 9 wordt niet verwacht een materieel effect te hebben op de geconsolideerde jaarrekening, maar zal de presentatie van de geconsolideerde jaarrekening aanpassen.

Verbeteringen aan IFRSs 2010-2012 cyclus In december 2013, publiceerde de IASB een volgende deel van jaarlijkse verbeteringen aan bestaande standaarden, van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 juli 2014. Deze aanpassingen werden bekrachtigd door de Europese Unie in december 2014, met effectieve datum voor gebruik in de Europese Unie op 1 februari 2015. De Groep zal deze aanpassingen toepassen in jaarperioden die beginnen op of na 1 februari 2015.

Het betreft een geheel van aanpassingen aan de verwoordingen van bestaande standaarden en verduidelijkingen. De aanpassingen verduidelijken de voorwaarden die bij voltooiing recht geven op 'op aandelen gebaseerde betalingen (IFRS 2)'; verduidelijken de boekhoudkundige verwerking van voorwaardelijke vergoedingen bij bedrijfscombinaties (IFRS 3); verduidelijken de vereisten om toelichtingen te verschaffen over de door het management gebruikte oordelen in de toepassing van de aggregatiecriteria van operationele segmenten en verduidelijken wanneer reconciliaties van activa en verplichtingen van het segment vereist zijn (IFRS 8); verduidelijken de reële waardebepalingen van kortetermijnvorderingen en -verplichtingen (IFRS 13); verduidelijken de herwaarderingsmethode voor materiële vaste activa en immateriële activa; verduidelijken dat een onderneming die diensten van management op sleutelposities verleent aan de verslaggevende entiteit, aanzien wordt als een verbonden partij (IAS 24). Deze aanpassingen zullen geen impact hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• Aanpassingen IAS 19 Personeelsbeloningen – Toegezegdpensioenregelingen: werknemersbijdragen

In november 2013 publiceerde de IASB een beperkte aanpassing aan IAS 19 Toegezegdpensioenregelingen: werknemersbijdragen, van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 juli 2014. Deze aanpassingen werden bekrachtigd door de Europese Unie in december 2014, met effectieve datum voor gebruik in de Europese Unie op 1 februari 2015. De Groep zal deze aanpassingen toepassen in jaarperioden die beginnen op of na 1 februari 2015. De aanpassingen behandelen de boekhoudkundige verwerking van door werknemers of door derden gestorte bijdragen aan toegezegdpensioenregelingen, die onafhankelijk zijn van het aantal jaren geleverde dienstprestaties door de werknemer, bijvoorbeeld in het geval de bijdragen een vast percentage zijn van het salaris gedurende de periode van tewerkstelling. Deze bijdragen mogen verwerkt worden als een vermindering van aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten in de periode waarin de prestatie geleverd werd en dienen niet gespreid te worden over de periodes van dienstprestaties. De toepassing van deze aanpassingen wordt niet verwacht een materieel effect te hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• IFRS 14 Uitgestelde rekeningen in verband met prijsreguleringen In januari 2014 publiceerde de IASB een standaard IFRS 14, van toepassing voor entiteiten die hun eerste IFRS jaarrekening opstellen voor jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2016. Deze standaard werd nog niet goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie. Aangezien deze standaard enkel van toepassing is voor entiteiten die IFRS voor de eerste maal toepassen, zal deze standaard geen impact hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• Aanpassingen aan IAS 16 Materiële Vaste Activa en aan IAS 38 Immateriële Activa: Verduidelijking van aanvaardbare methoden voor afschrijvingen

In mei 2014 publiceerde de IASB aanpassingen aan bestaande standaarden IAS 16 en IAS 38 van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na januari 2016. Deze aanpassing werd goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie in december 2015 van toepassing vanaf 1 januari 2016. Deze aanpassingen verduidelijken dat het niet toegelaten is om een afschrijvingsmethode te gebruiken die gebaseerd is op de opbrengsten die het actief genereert. Deze aanpassingen zullen geen materieel effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• Aanpassingen aan IFRS 11 Gezamelijke Overeenkomsten: Verwerking van de verwerving van een belang in een gezamelijke bedrijfsactiviteit

In mei 2014 publiceerde de IASB een aanpassing aan IFRS 11 van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 januari 2016. Deze aanpassing werd goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie in november 2015, van toepassing vanaf 1 januari 2016. Deze aanpassing verduidelijkt of dat de verwerving van een belang in een gezamelijke bedrijfsactiviteit dient verwerkt te worden in overeenstemming met IFRS 3 Bedrijfscombinaties of dat de verwerving dient geboekt te worden als een verwerving van een groep van activa. Deze aanpassing zal geen materieel effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• IFRS 15 Opbrengsten uit contracten met klanten

In mei 2014 publiceerde de IASB een nieuwe standaard IFRS 15 over erkenning van opbrengsten. In september 2015 werd er een aanpassing gepubliceerd die de datum van eerste toepassing verschuift naar jaarperioden die aanvangen op of na 1 januari 2018. Deze standaard werd nog niet goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie. Deze standaard introduceert een vijfstappen aanpak in de bepaling van de methode voor het boeken van opbrengsten : als eerste stap dient het contract met de klant geïdentificeerd te worden, nadien dienen de prestatieverplichtingen in het contract bepaald te worden, in een derde stap dient de transactieprijs bepaald te worden, nadien

wordt de transactieprijs toegewezen aan de prestatieverplichtingen in het contract en als laatste stap worden de opbrengsten geboekt wanneer de entiteit een prestatieverplichting vervult. De standaard bepaalt tevens of dat de opbrengsten dienen geboekt te worden op een bepaald moment of gespreid over een bepaalde periode. De standaard introduceert nieuwe uitgebreide toelichtingen omtrent opbrengsten. De Groep onderzoekt momenteel of dat deze nieuwe standaard een materieel effect zal hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• Aanpassingen aan IAS 16 Materiële Vaste Activa en IAS 41 Landbouw: Landbouw – Dragende Planten, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2016

Deze aanpassing werd goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie in november 2015, van toepassing vanaf 1 januari 2016. Deze aanpassingen zijn niet van toepassing op de Groep.

• Gebruik van de 'equity'-methode in enkelvoudige jaarrekeningen (aanpassing aan IAS 27)

In augustus 2014 publiceerde de IASB een beperkte aanpassing aan IAS 27, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2016. Deze aanpassing werd goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie in december 2015, van toepassing vanaf 1 januari 2016. Deze aanpassing laat entiteiten toe om de vermogensmutatiemethode te gebruiken in de enkelvoudige jaarrekening voor de boekhoudkundige verwerking van belangen in dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde deelnemingen. Deze aanpassing is niet van toepassing op de geconsolideerde jaarrekening.

• Jaarlijkse Verbeteringen aan IFRSs 2012-2014 cyclus

In september 2014 publiceerde de IASB een volgende set van jaarlijkse verbeteringen aan IFRS standaarden van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2016. Deze verbeteringen werden goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie in december 2015, van toepassing vanaf 1 januari 2016. Deze set van verbeteringen geven bijkomende richtlijnen bij de standaard IFRS 5 voor gevallen waar een entiteit een actief aangehouden voor verkoop herclasseert als actief aangehouden voor uitkering aan houders van eigenvermogensinstrumenten, geven bijkomende richtlijnen betreffende de toelichtingen vereist voor contracten voor dienstverlening, geven richtlijnen bij IAS 19 door te verduidelijken dat de hoogwaardige ondernemingsobligaties die worden gebruikt voor het schatten van de disconteringsvoet dient te worden uitgedrukt in dezelfde valuta als de vergoedingen die zullen uitbetaald worden, en verduidelijkt bepaalde terminologie van IAS 34. Deze aanpassingen zullen geen materieel impact hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• Verkoop of inbreng van activa tussen een investeerder en zijn joint venture of geassocieerde deelneming ( Aanpassing aan IFRS 10 Geconsolideerde Jaarrekening en aan IAS 28 Investeringen in geassocieerde deelnemingen en samenwerkingsverbanden)

In september 2014 publiceerde de IASB een beperkte aanpassing teneinde een inconsistentie tussen de standaarden IFRS 10 en IAS 28 te verduidelijken met betrekking tot de verkoop of inbreng van activa tussen een investeerder en zijn joint venture of geassocieerde deelneming. De aanpassing verduidelijkt wanneer de winst of het verlies volledig wordt opgenomen. In december 2015 werd er een aanpassing gepubliceerd die de eerste toepassingsdatum, initieel voorzien voor jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2016, voor een onbeperkte periode verschuift. Een nieuwe toepassingsdatum dient bepaald te worden door de IASB. De aanpassingen zullen geen materieel effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• Beleggingsentiteiten: toepassing van de uitzondering op de consolidatieverplichting

(Aanpassingen aan IFRS 10, IFRS 12, IAS 28) In december 2014 publiceerde de IASB aanpassingen die verduidelijken welke dochterondernemingen dienen geconsolideerd te worden door een beleggingsentiteit en welke dochterondernemingen dienen aangehouden te worden aan reële waarde met waardeveranderingen in winst- en verliesrekening. Deze aanpassingen zijn van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2016. Deze aanpassingen werden nog niet goedgekeurd voor toepassing in de Europese Unie. Deze veranderingen zullen geen effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• Informatieverschaffing (aanpassingen aan IAS 1) In december 2014 publiceerde de IASB aanpassingen aan IAS 1 Presentatie van de Jaarrekening, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2016. Deze aanpassingen werden goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie in december 2015, van toepassing vanaf 1 januari 2016. De aanpassingen verduidelijken dat het materialiteitsprincipe van toepassing is op alle delen van de jaarrekening, zelfs indien een standaard afzonderlijke informatieverschaffing vereist. Deze aanpassingen bepalen dat posten van de balans, de winst- en verliesrekening en het overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten

kunnen samengevoegd of gesplitst worden indien dit relevant is. De aanpassingen geven bijkomende voorbeelden voor het ordenen van de toelichting om te verduidelijken dat begrijpbaarheid en vergelijkbaarheid in beschouwing moeten worden genomen bij de bepaling van de volgorde van de toelichting. De Groep zal de toelichting presenteren volgens deze aanpassingen.

• IFRS 16 Lease-overeenkomsten

In januari 2016 publiceerde de IASB een nieuwe standaard over leaseovereenkomsten, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2019. De standaard werd nog niet goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie.

Deze nieuwe standaard vervangt de huidige standaard IAS 17 aangaande de boekhoudkundige verwerking van lease-overeenkomsten. IFRS 16 schrapt de classificatie van lease-overeenkomsten tussen operationele en financiële lease-overeenkomsten voor de leasingnemer en introduceert één enkel model voor de boekhoudkundige verwerking van leaseovereenkomsten voor de leasingnemer. Alle overeenkomsten, behalve de kortlopende lease-overeenkomsten van minder dan twaalf maanden en de overeenkomsten met immateriële waarde, dienen in de balans geboekt te worden aan de contante waarde van de toekomstige minimale lease-betalingen. Deze worden getoond als een 'right-of-use' actief in de balans van de leasingnemer. Lease-betalingen die worden betaald over de looptijd van het contract worden gepresenteerd als een financiële schuld. In de winst- en verliesrekening dient de afschrijvingslast met betrekking tot het geleasde actief apart gepresenteerd te worden van de intrestlast op de financiële verplichting. Voor leasinggevers zijn er geen substantiële veranderingen in deze nieuwe standaard IFRS 16. De leasinggever zal de lease-overeenkomsten blijven voorstellen als ofwel operationele ofwel financiële lease-overeenkomsten. De boekhoudkundige verwerking van beide types van overeenkomsten voor de leasinggever blijft verschillend. De Groep onderzoekt momenteel het impact dat de toepassing van deze nieuwe standaard zal hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• IFRS 12 Inkomstenbelastingen: Erkenning van uitgestelde

belastingvorderingen met betrekking tot niet-gerealiseerde verliezen In januari 2016 publiceerde de IASB een aanpassing aan IAS 12, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2017. Deze aanpassing werd nog niet goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie. Deze aanpassing verduidelijkt de boekhoudkundige verwerking van uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot schuldinstrumenten aangehouden tegen reële waarde. Deze aanpassing zal geen impact hebben op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep.

• Aanpassing aan IAS 7: Kasstroomoverzicht – Toelichtingen In januari 2016 publiceerde de IASB aan aanpassing aan IAS 7 Kasstroomoverzicht, als deel van een initiatie betreffende toelichtingen, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2017. Deze aanpassing werd nog niet goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie.

Deze aanpassing vereist toelichtingen betreffende verplichtingen uit financieringsactiviteiten, meer bepaald een uitsplitsing tussen wijzigingen in financieringsactiviteiten die een echte kasstroom teweeg brengen en niet-kas bewegingen. De Groep zal de toelichtingen verstrekken in overeenkomst met deze aanpassing aan de standaard.

5. TE RAPPORTEREN SEGMENTEN

Het management van de Groep heeft drie operationele segmenten geïdentificeerd: Agfa Graphics, Agfa HealthCare en Agfa Specialty Products. Elk van deze operationele segmenten heeft sterke marktposities, een duidelijk omlijnde strategie en volledige verantwoordelijkheid, bevoegdheid en aansprakelijkheid.

De operationele segmenten van de Groep reflecteren het niveau waarop de CEO van de Groep en het Executive Committee de activiteiten beoordelen en beslissingen nemen over de toewijzing van middelen en andere operationele zaken. De te rapporteren segmenten van de Groep zijn dezelfde als zijn operationele segmenten.

De te rapporteren segmenten Agfa Graphics, Agfa HealthCare en Agfa Specialty Products omvatten de volgende activiteiten:

Agfa Graphics

Agfa Graphics biedt commerciële drukkers, krantendrukkers en verpakkingsdrukkers een uitgebreid gamma geïntegreerde drukvoorbereidingsystemen: van complete computer-to-plateoplossingen en drukplaten tot software voor kleurenmanagement, voor workflowautomatisering en voor het ontwerpen van veiligheidsdrukwerk. Verder levert Agfa Graphics een breed gamma digitale drukoplossingen aan sign & displaydrukkers. Agfa's grootformaatprinters combineren een hoge snelheid met een uitzonderlijke printkwaliteit. Ze maken deel uit van een volledig pakket, inclusief speciale inkten en software voor workflowautomatisering. Tot slot ontwikkelt en produceert Agfa Graphics ook kwaliteitsvolle inkten en

vloeistoffen voor verscheidene industriële inkjet-toepassingen. Hiermee geven ze industriële bedrijven de mogelijkheid om drukwerk in hun productieprocessen te integreren.

Agfa HealthCare

Agfa HealthCare is een toonaangevende leverancier van systemen voor medische beeldvorming en IT-systemen voor ziekenhuizen en zorgcentra over de hele wereld. De businessgroep is een belangrijke speler op de markt van de medische beeldvorming. Met analoge, digitale en IT-systemen voldoet Agfa HealthCare wereldwijd aan de eisen van gespecialiseerde clinici. Voorts heeft de businessgroep een sleutelrol op de markt van de ziekenhuisbrede IT-systemen. Deze systemen integreren de administratieve, financiële en klinische workflows voor individuele ziekenhuizen en ziekenhuisgroepen. Vandaag vertrouwen zorgorganisaties in meer dan 100 landen op Agfa HealthCare's toonaangevende technologieën, oplossingen, en diensten voor de optimalisering van hun efficiëntie en de verbetering van hun patiëntenzorg.

Agfa Specialty Products

Agfa Specialty Products biedt een brede waaier producten voor grote industriële klanten die niet tot de grafische en gezondheidszorgmarkten behoren. Enerzijds biedt dit segment klassieke filmgebaseerde producten aan zoals film voor niet-destructief materiaalonderzoek, film voor luchtfotografie, microfilm en film voor de productie van gedrukte schakelingen (PCB's). Anderzijds richt Agfa Specialty Products zich op veelbelovende groeimarkten met innovatieve oplossingen. Voorbeelden hiervan zijn synthetisch papier, geleidende polymeren, materialen voor de productie van beveiligde identiteitsdocumenten en membranen voor de productie van waterstof.

5.1 PRINCIPES TOEGEPAST BIJ HET DEFINIËREN VAN DE SEGMENTRESULTATEN, SEGMENTACTIVA EN VERPLICHTINGEN

Het resultaat van een te rapporteren segment omvat de opbrengsten en kosten die rechtstreeks door een segment worden gegenereerd, inclusief het relevante deel van de opbrengsten en kosten dat redelijkerwijs aan het segment kan worden toegewezen. De operationele segmenten omvatten geen opbrengsten uit transacties met andere operationele segmenten van de Groep.

De activa en verplichtingen van een segment omvatten de activa en verplichtingen die direct zijn toe te wijzen aan een segment, inclusief de activa en verplichtingen die redelijkerwijs aan het segment kunnen worden toegewezen. De activa en verplichtingen van een segment worden weergegeven exclusief actuele vorderingen en verplichtingen

uit winstbelastingen en uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen.

De toewijzing van activa en verplichtingen die door meer dan één te rapporteren segment worden aangewend, kan als volgt worden samengevat:

De algemene regel is dat elk bestanddeel van de activa van het segment in zijn geheel wordt toegewezen aan één van de te rapporteren segmenten, met andere woorden een actiefbestanddeel zoals een kantoorgebouw wordt toegewezen aan één enkel segment. Als het desbetreffende actiefbestanddeel door meer dan één te rapporteren segment wordt gebruikt, heeft één segment het activum in eigendom terwijl de andere segmenten het huren (doorbelasting door middel van dienstenovereenkomsten). Hetzelfde geldt voor bedrijfsverplichtingen zoals verplichtingen ten opzichte van het personeel. Aangezien al de personeelsleden, met uitzondering van de werknemers die tot het Corporate Center of de Global Shared Services (ICS, HR en Aankoop) behoren en de inactieve werknemers (zie verder), toegewezen zijn aan een specifiek te rapporteren segment, worden alle daaraan verbonden verplichtingen en voorzieningen toegewezen aan het segment waartoe de betrokken werknemer behoort.

De productie-eenheid Materials produceert film en chemicaliën voor Agfa Graphics, Agfa HealthCare en Agfa Specialty Products wereldwijd. De operationele activa toegewezen aan de productieeenheid Materials zijn eigendom van de drie te rapporteren segmenten. Dit is een uitzondering op bovenstaand principe dat elk actief bestanddeel eigendom is van één te rapporteren segment.

Bedrijfsopbrengsten en -kosten en bedrijfsactiva en -verplichtingen die betrekking hebben op het Corporate Center en de Global Shared Services, alsook op de productie van filmverbruiksgoederen, worden verdeeld over de verschillende te rapporteren segmenten met behulp van verdeelsleutels.

De resultaten, activa en verplichtingen die betrekking hebben op inactieve werknemers kunnen niet toegewezen worden aan één of meer te rapporteren segmenten. Deze gegevens zijn begrepen in de reconciliatie tussen het totaal van de te rapporteren segmenten en het totaal van de geconsolideerde winst- en verliesrekening , totale activa en totale verplichtingen (zie toelichting 5.3).

Inactieve werknemers worden gedefinieerd als gepensioneerden, vroegere werknemers die rechten hebben opgebouwd en andere inactieve werknemers zoals bruggepensioneerden waarvan redelijkerwijs kan worden aangenomen dat zij niet zullen terugkeren tot een actieve status. Werknemers die in principe slechts tijdelijk inactief zijn zoals ten gevolge van langdurige invaliditeit of ziekte, zwangerschapsverlof, legerdienst en dergelijke worden als actieve werknemers behandeld en bijgevolg toegewezen aan één van de te rapporteren segmenten. Het verschil tussen het totaal van de segmentactiva en -verplichtingen en het balanstotaal omvat saldi voortkomend uit de verkoop in 2004 tussen de Groep en de AgfaPhoto Groep van het vroegere segment Consumer Imaging.

5.2 KERNGEGEVENS PER BEDRIJFSSEGMENT

De kerngegevens van de te rapporteren segmenten werden als volgt berekend:

  • recurrente EBIT is het resultaat uit bedrijfsactiviteiten voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten. Onder niet-recurrente resultaten worden onder meer resultaten uit de verkoop van gronden en gebouwen, pensioenkosten van verstreken diensttijd en bijzondere waardeverminderingsverliezen begrepen;
  • % van de opbrengsten is recurrente EBIT gedeeld door de opbrengsten;
  • segmentresultaat is de winst uit bedrijfsactiviteiten;
  • de activa van een segment zijn de bedrijfsactiva die door een te rapporteren segment aangewend worden bij zijn bedrijfsactiviteiten;
  • de verplichtingen van een segment zijn de verplichtingen die voortvloeien uit de bedrijfsactiviteiten van een te rapporteren segment;

  • de nettokasstromen uit de te rapporteren segmenten vertegenwoordigen het verschil tussen de kasontvangsten en de kasuitgaven die voortvloeien uit een te rapporteren segment. De financieringskasstromen, de ontvangen rente en kasstromen uit overige investeringsactiviteiten zijn niet toegewezen aan een te rapporteren segment;

  • de investeringsuitgaven van het te rapporteren segment omvatten de kostprijs van de verworven activa met een verwachte gebruiksduur van meer dan één jaar;
  • andere niet-kaskosten (-opbrengsten) omvatten bijzondere waardeverminderingsverliezen en terugname van bijzondere waardeverminderingsverliezen op vorderingen en voorraden, kosten en opbrengsten uit verstreken diensttijd en winsten en verliezen uit beëindiging van verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding, toegekende subsidies en toevoegingen aan en terugname van voorzieningen, met uitzondering van deze met betrekking tot winstbelasting, in de mate dat deze betrekking hebben op het resultaat uit bedrijfsactiviteiten.
Te rapporteren segment Agfa Graphics Agfa HealthCare Agfa Specialty
Products
TOTAAL
MILJOEN EURO 2015 2014 2015 2014 2015 2014 2015 2014
Opbrengsten 1.358 1.355 1.099 1.069 189 196 2.646 2.620
Evolutie 0,2% (9,1)% 2,8% (7,8)% (3,6)% (8,4)% 1,0% (8,6)%
Recurrente EBIT 65 70 107 79 13 7 185 156
% van de opbrengsten (7,1)% 5,2% 35,4% 7,4% 85,7% 3,6% 18,6% 6,0%
Resultaat van het segment 56 55 98 72 13 6 167 133
Activa van het segment 713 741 1.137 1.164 106 112 1.956 2.017
Verplichtingen van het segment 376 394 466 483 44 57 886 934
Nettokasstromen uit de te rapporteren segmenten 54 62 120 125 13 22 187 209
Investeringsuitgaven 17 20 18 15 2 2 37 37
Afschrijvingen 29 31 27 35 4 4 60 70
Bijzondere waardeverminderingsverliezen - - 1 - - - 1 -
Teruggenomen bijzondere waardeverminderingsverliezen - (1) - - - - - (1)
Andere niet-kaskosten (opbrengsten) 81 87 94 104 16 12 191 203
Kosten van onderzoek en ontwikkeling 45 42 90 97 9 7 144 146
Gemiddeld aantal personeelsleden (in voltijdse equivalenten) (1) 4.237 4.350 5.544 5.761 645 615 10.426 10.726

(1) Cijfers omvatten vaste en tijdelijke contracten.

5.3 RECONCILIATIE VAN OPBRENGSTEN, RECURRENTE EBIT, WINST- EN VERLIESREKENING,

ACTIVA EN VERPLICHTINGEN, KASSTROMEN EN ANDERE MATERIËLE POSTEN

MILJOEN EURO 2015 2014
Opbrengsten
Opbrengsten van de te rapporteren segmenten 2.646 2.620
Geconsolideerde opbrengsten 2.646 2.620
Recurrente EBIT
Recurrente EBIT van de te rapporteren segmenten 185 156
Recurrente EBIT niet-toegewezen aan de te rapporteren segmenten (1) (5) (4)
Geconsolideerde recurrente EBIT 180 152
Winst- en verliesrekening
Resultaat van het segment 167 133
Winst (verlies) uit bedrijfsactiviteiten niet-toegewezen aan de te rapporteren segmenten (1) (6) 3
Winst uit bedrijfsactiviteiten 161 136
Overige niet-toewijsbare bedragen:
Financieringsbaten (-kosten) - netto (11) (15)
Overige financiële opbrengsten (kosten) - netto (63) (44)
Geconsolideerde winst (verlies) voor belastingen 87 77
Activa
Activa van de te rapporteren segmenten 1.956 2.017
Bedrijfsactiva niet-toegewezen aan de te rapporteren segmenten (1) 1 2
Financiële activa 16 16
Geassocieerde deelnemingen 1 1
Uitgestelde belastingvorderingen 152 173
Invorderbare minimale lease-betalingen 82 79
Derivaten 2 2
Geldmiddelen en kasequivalenten 123 196
Overige niet-toewijsbare activa 69 62
Geconsolideerde totale activa 2.402 2.548
Verplichtingen
Verplichtingen van de te rapporteren segmenten 886 934
Verplichtingen voortvloeiend uit bedrijfsactiviteiten, niet-toegewezen aan de te rapporteren segmenten (1) 977 1.053
Rentedragende verplichtingen 181 322
Uitgestelde belastingverplichtingen 21 23
Derivaten 4 -
Overige niet-toewijsbare verplichtingen 65 70
Geconsolideerde totale verplichtingen 2.134 2.402
Kasstromen
Nettokasstromen uit de te rapporteren segmenten 187 209
Bedrijfskasstromen niet-toegewezen aan de te rapporteren segmenten (1) (78) (81)
Netto betaalde rente en dividend betaald aan minderheidsbelangen (41) (20)
Nettoterugbetalingen van leningen (137) (22)
Overige financieringskasstromen (7) (11)
Wijzigingen in overige investeringsactiviteiten 4 (6)
Geconsolideerde nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten (72) 69

84 - Agfa-Gevaert l Jaarverslag 2015 (1) Bedrijfsresultaten, activa en verplichtingen en kasstromen niet toegewezen aan de te rapporteren segmenten hebben voornamelijk betrekking op inactieve werknemers.

5.4 RECONCILIATIE VAN ANDERE MATERIËLE POSTEN VOOR 2015 EN 2014

De andere materiële posten, voorgesteld in tabel 5.2, kunnen als volgt gereconcilieerd worden met de geconsolideerde cijfers:

Andere materiële posten 2015

MILJOEN EURO Toelichting TOTAAL VAN DE
TE RAPPORTEREN
SEGMENTEN
Aanpassingen TOTAAL
Investeringsuitgaven - kasstromen 13/14 37 - 37
Afschrijvingen 13/14 60 - 60
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 13/14 1 - 1
Andere niet-kaskosten (opbrengsten) 191 - 191
Kosten van onderzoek en ontwikkeling 144 - 144

Andere materiële posten 2014

MILJOEN EURO Toelichting TOTAAL VAN DE
TE RAPPORTEREN
SEGMENTEN
Aanpassingen TOTAAL
Investeringsuitgaven - kasstromen 13/14 37 - 37
Afschrijvingen 13/14 70 - 70
Teruggenomen bijzondere waardeverminderingsverliezen 13/14 (1) - (1)
Andere niet-kaskosten (opbrengsten) 203 (7) (1) 196
Kosten van onderzoek en ontwikkeling 146 - 146

(1) Deze niet-kasopbrengsten hebben betrekking op winsten uit de beëndiging van verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding als gevolg van een pensioen 'buy-out' project met betrekking tot het Agfa-Gevaert Fabriekspensioen Plan

5.5 GEOGRAFISCHE INFORMATIE VOOR 2015 EN 2014 De Groep maakt een onderscheid tussen vier geografische markten: Europa, NAFTA, Latijns-Amerika en Azië/Oceanië/Afrika. De Groep is gevestigd in België.

Geografische informatie 2015

MILJOEN EURO Opbrengsten per markt (1) Vaste activia (2)
Europa 1.038 482
waarvan België 40 131
NAFTA 698 321
Latijns-Amerika 209 22
Azië/Oceanië/Afrika 701 28
TOTAAL 2.646 853

(1) Locatie van klanten

(2) Uitgezonderd uitgestelde belastingsvorderingen en volgens de locatie van de activa

Geografische informatie 2014

MILJOEN EURO Opbrengsten per markt (1) Vaste activia (2)
Europa 1.051 485
waarvan België 40 131
NAFTA 647 318
Latijns-Amerika 240 30
Azië/Oceanië/Afrika 682 33
TOTAAL 2.620 866

(1) Locatie van klanten

(2) Uitgezonderd uitgestelde belastingsvorderingen en volgens de locatie van de activa

6. OVERNAMES

OVERNAMES 2015

In december 2015 heeft de Groep alle aandelen van de TIP GROUP Holding GmbH overgenomen, een gespecialiseerde ontwikkelaar van 'business intelligence' software en ERP-systemen met bedrijfsactiviteiten in Oostenrijk, Duitsland en Zwitserland. De TIP GROUP Holding GmbH houdt 100%-investeringen aan in drie dochterondernemingen: in Oostenrijk, Duitsland en Zwitserland.

De overname breidt Agfa HealthCare's portfolio uit met 'business intelligence' en brengt een oplossing die is afgestemd op de behoeften aan data-integratie en analyse van het ziekenhuis.

De aankooprijs bedraagt 7 miljoen euro. De verworven identificeerbare activa en de overgenomen verplichtingen zijn gewaardeerd aan hun reële waarde op overnamedatum.

Verworven identificeerbare activa en de overgenomen verplichtingen worden weergegeven in de volgende tabel:

MILJOEN EURO Toelichting TIP GROUP Holding GmbH en dochterondernemingen
Verworven technologie 13 1
Verworven cliëntencontracten en -relaties 13 6
Handelsvorderingen 2
Overige belastingvorderingen 1
Overige belastingschulden (1)
Uitgestelde opbrengsten (2)
Bankschulden (1)
Uitgestelde belastingverplichtingen (2)
TOTAAL VERWORVEN IDENTIFICEERBARE NETTO-ACTIVA 4

Verworven technologie en verworven cliëntencontracten-en relaties worden beiden afgeschreven over een looptijd van 15 jaar. De reële waarde van de verworven immateriële activa werd bepaald aan de hand van de contante waarde van de

toekomstige kasstromen. Handelsvorderingen omvatten bruto contractuele bedragen ten belope van 2 miljoen euro waarvan op overnamedatum verwacht wordt dat deze volledig geind zullen worden. De goodwill op overname bedraagt 3 miljoen euro en werd als volgt berekend:

MILJOEN EURO Toelichting TIP GROUP Holding GmbH en dochterondernemingen
Betaalde overnameprijs 7
Reële waarde van de identificeerbare netto-activa (4)
Goodwill 13 3

De goodwill op overname heeft voornamelijk betrekking op verwachte synergievoordelen uit de samenvoeging van de bedrijfsactiviteiten met de Groep. Het bedrag van goodwill is fiscaal niet aftrekbaar.

Kosten verbonden aan de overname betreffen betaalde vergoedingen aan externe adviseurs en 'due diligence' kosten. Deze kosten zijn immaterieel en werden geboekt in de algemene beheerskosten van de verlies-en winstrekening. De winst- en verliesrekening van de Groep bevat geen omzet en geen andere opbrengsten en kosten van de overgenomen groep omwille van het feit dat de TIP GROUP Holding GmbH overgenomen is op 31 december 2015.

OVERNAMES 2014

Er waren geen overnames gedurende 2014.

7. BEHEER VAN FINANCIËLE RISICO'S

Bij de uitoefening van haar bedrijfsactiviteit wordt de Groep blootgesteld aan een aantal financiële risico's – zoals het valutarisico, het renterisico, het risico verbonden aan de prijsschommelingen van de grondstoffen, het liquiditeitsrisico en het kredietrisico – die de financiële positie en het bedrijfsresultaat kunnen beïnvloeden.

De doelstellingen, grondslagen en procedures van de Groep voor wat betreft het beheer van deze risico's worden beschreven in deze toelichting. Voor het beheer van de financiële risico's kan de Groep gebruik maken van afgeleide financiële instrumenten. Het gebruik van deze instrumenten

is onderworpen aan interne controles en uniforme regelgeving opgesteld door het centraal 'Treasury Committee' van de Groep. Gebruikte derivaten zijn 'over-the-counter' financiële instrumenten, voornamelijk termijnwisselverrichtingen. De Groep heeft sinds een aantal jaren 'metal swap' overeenkomsten afgesloten.

7.1 MARKTRISICO

7.1.1 Valutarisico

Het valutarisico is het risico dat de reële waarde of toekomstige kasstromen van een financieel instrument zullen schommelen als gevolg van wisselkoersveranderingen. In het beheer van valutarisico's wordt een onderscheid gemaakt tussen drie types van valutarisico's: het valutatransactierisico, het valutatranslatierisico en het economische risico verbonden aan transacties in vreemde munten.

De Groep is blootgesteld aan een valutatransactierisico op handelsvorderingen, handelsschulden en andere monetaire posten uitgedrukt in een andere munt dan de functionele munt van de Onderneming. Het valutatransactierisico ontstaat eveneens uit de variabiliteit van de kasstromen uit verwachte toekomstige transacties. De resultaten en financiële positie van groepsondernemingen die een functionele valuta hebben die verschillend is van de euro, zijn onderhevig aan een valutatranslatierisico. Het economische valutarisico is het risico dat de toekomstige kasstromen en resultaten van de buitenlandse activiteiten kunnen schommelen. Het economische valutarisico is in zeer hoge mate afhankelijk van andere factoren zoals de concurrentiepositie van de buitenlandse activiteit binnen een bedrijfstak, de relatie met klanten en leveranciers. In het beheer van de valutarisico's richt het centrale thesaurie-departement zich voornamelijk op het valutatransactierisico en het valutatranslatierisico, daar waar het bedrijfsmanagement zich voornamelijk richt op het beheer van het economisch valutarisico door middel van natuurlijke indekkingen. Elk van hoger vernoemde valutarisico's beïnvloedt de jaarrekening op een verschillende manier. Het centrale thesauriedepartement controleert en beheert de valutarisico's vanuit de impact die ze hebben op zowel de balans als de winst- en verliesrekening.

7.1.2 Valutatransactierisico – impact op de balans

De munten die aanleiding geven tot een valutatransactierisico zijn als volgt:

Indekkingsinstrumenten
MILJOEN VREEMDE
MUNTEENHEID
Nettopositie van vorderingen
en schulden
Geldmiddelen, kasequivalenten,
leningen en deposito's
Derivaten Nettopositie
31 december 2015
US dollar 68,6 (131,6) 73,8 10,8
Chinese Renminbi 75,0 (72,7) - 2,3
Pond sterling 3,2 (36,8) 33,1 (0,5)
Canadese dollar (3,6) (4,1) - (7,7)
Indische Rupie 567,4 - (608) (40,6)
Hong Kong Dollar 56,5 (53,8) - 2,7
Koreaanse Won 6.393 - (8.600) (2.207)
Poolse Zloty 29 (25,2) - 3,8
Australische dollar 11,0 (9,3) - 1,7
31 december 2014
US dollar 77,7 (139,7) 78,1 16,1
Chinese Renminbi 75,8 (58,2) (2,7) 14,9
Pond sterling 6,1 (39,9) 28,3 (5,5)
Canadese dollar (1,2) (0,4) - (1,6)
Indische Rupie 473,7 - (454,3) 19,4
Hong Kong Dollar 51,3 (30,4) - 20,9
Koreaanse Won 4.283 - (3.184) 1.099
Poolse Zloty 17,5 (12,8) - 4,7
Australische dollar 11,7 (9,2) - 2,5

In het beheer van de impact van het valutatransactierisico op de balans, tracht de Groep om zowel de gerealiseerde als de niet-gerealiseerde wisselkoersresultaten die ontstaan uit de omrekening van balansposten, uitgedrukt in een munt verschillend van de functionele munt van de Onderneming, tot een minimum te herleiden.

Om het uitstaande risico te beperken tot vooropgestelde aangepaste risicolimieten, gebruikt het centrale thesauriedepartement derivaten zoals termijnwisselverrichtingen, ter indekking van het wisselkoersrisico verbonden aan in de balans opgenomen monetaire activa en verplichtingen. De uitstaande derivaten per 31 december 2015, zijn termijnwisselverrichtingen met looptijden van minder dan één jaar.

Wanneer derivaten gebruikt worden ter indekking van het wisselkoersrisico verbonden aan in de balans opgenomen monetaire activa en verplichtingen, wordt er geen 'hedge accounting' toegepast. Winsten of verliezen die voortvloeien uit de waardering van deze derivaten tegen reële waarde worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.

7.1.3 Valutatranslatierisico – impact op de balans

Valutakoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van de resultaten en financiële positie van groepsondernemingen die een functionele munt hebben die verschillend is van de presentatiemunt van de Groep, worden in de niet-gerealiseerde resultaten getoond onder valutakoersverschillen, tenzij er een afdekkingmechanisme bestaat.

Alle groepsondernemingen en investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode hebben als functionele munt de munt van het land waarin ze operationeel zijn. Munten die aanleiding geven tot het valutatranslatierisico op de balans betreffen voornamelijk de US dollar, de Canadese dollar, het pond sterling, de Chinese renminbi, de Venezolaanse Bolivar en de Braziliaanse Real.

Netto-investering in een buitenlandse entiteit
MILJOEN VREEMDE MUNTEENHEID 31 december 2015 31 december 2014
US dollar 199 210
Canadese dollar 205 207
Chinese Renminbi 581 713
Pond sterling (43) (6)
Venezolaanse Bolivar (106) 107
Braziliaanse Real 100 100

Het centrale thesauriedepartement volgt het translatierisico op kwartaalbasis op en stelt corrigerende acties voor aan het Executive Management indien nodig.

De Groep maakt gebruik van termijnwisselverrichtingen uitgedrukt in US dollar (notioneel bedrag 120 miljoen US dollar) om het valutarisico met betrekking tot de netto-investering in één van haar dochterondernemingen in de Verenigde Staten (Agfa Corporation) af te dekken. Per 31 december 2015 werd de afdekking van de netto-investering bepaald als een effectieve afdekkingsverrichting. Het effectieve deel van de winst op de afdekkingsinstrumenten werd bijgevolg rechtstreeks in de nietgerealiseerde resultaten opgenomen (Valutakoersverschillen: 7 miljoen euro).

Per einde 2015 werd een bedrag van 20 miljoen euro geherclasseerd van Valutakoersverschillen in het eigen vermogen naar Overige financieringskosten in de winst- en verliesrekening naar aanleiding van de stopzetting van de bedrijfsactiviteiten in twee productie-eenheden in het buitenland, waarvoor een herstructureringskost van 8 miljoen euro geboekt werd in 2015.

7.1.4 Valutarisico – impact op de winst- en verliesrekening

Het valutarisico dat de winst- en verliesrekening beïnvloedt, omvat het valutarisico dat ontstaat uit de variabiliteit van de kasstromen uit verwachte toekomstige transacties uitgedrukt in vreemde valuta alsook het risico verbonden aan schommelingen van de resultaten van de buitenlandse activiteiten bij de omrekening naar de presentatiemunt (euro). Het centrale thesauriedepartement beheert beide risico's samen.

De munten die het valutarisico op de winst- en verliesrekening beïnvloeden, betreffen voornamelijk de US dollar en munten die nauw verbonden zijn aan de US dollar zoals de Hong Kong dollar en de Chinese Renminbi, de Canadese dollar, het pond sterling, de Australische dollar, Koreaanse Won en de Indiaanse Rupie.

Aan de hand van aanbevelingen van het centrale 'Treasury Committee' beslist het Executive Management over de te volgen indekkingspolitiek rekening houdend met de bestaande marktsituatie. De groepsobjectieven inzake beheer van de impact van het valutarisico op de winst- en verliesrekening, zijn om de voorspelbaarheid van de financiële resultaten te verhogen en tevens om ook de bedrijfsuitoefening van de Groep binnen een beperkte tijdshorizon te vrijwaren daar waar zij niet kan inspelen op de snel veranderende economische omgeving. Dit gebeurt door middel van prijsaanpassingen en bijsturingen van de productie.

In 2015 duidde de Groep termijnwisselcontracten aan als kasstroomafdekkingen van het vreemde-valutarisico in pond sterling waaraan de Groep is blootgesteld op haar zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen over de volgende 12 maanden.

Het effectieve deel van de winsten op de termijnwisselcontracten werd geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten (31 december 2015: 0 miljoen euro). In de loop van 2015 werden verliezen ten belope van 2 miljoen euro rechtstreeks opgenomen in de nietgerealiseerde resultaten. Verliezen ten belope van 6 miljoen euro werden geherclasseerd uit de niet-gerealiseerde resultaten naar de winst- en verliesrekening en geboekt in mindering van 'Opbrengsten'.

In 2014 duidde de Groep termijnwisselcontracten aan als kasstroomafdekkingen van het vreemde-valutarisico in pond sterling en US dollar waaraan de Groep is blootgesteld op haar zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen over de volgende 12 maanden.

Het effectieve deel van de winsten op de termijnwisselcontracten werd geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten (31 december 2014: min 4 miljoen euro).

In de loop van 2014 werden verliezen ten belope van 9 miljoen euro rechtstreeks opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten. Verliezen ten belope van 5 miljoen euro werden geherclasseerd uit de niet-gerealiseerde resultaten naar de winst- en verliesrekening en geboekt in mindering van 'Opbrengsten'.

7.1.5 Gevoeligheidsanalyse

Een versterking of verzwakking van de euro met 10% ten opzichte van de munten vermeld in onderstaande tabel zou onderstaand positief of negatief effect gehad hebben op de winst- en verliesrekening, gegeven dat alle andere risicovariabelen constant gehouden worden. De gevoeligheidsanalyse werd uitgevoerd op de gebudgetteerde nettorisicopositie ingeschat voor het jaar 2015, rekening gehouden met de impact van derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen.

De gebudgetteerde nettorisicopositie van de US dollar is sterk gestegen ten opzichte van 2014 omwille van het feit dat het management beslist heeft om geen kasstroomafdekkingen op de US dollar af te sluiten gedurende 2015.

Winst- en verliesrekening
2015 2014
MILJOEN EURO Versterking van
de euro met 10%
Verzwakking van
de euro met 10%
Versterking van
de euro met 10%
Verzwakking van
de euro met 10%
US dollar en andere munten
nauw gerelateerd aan de US
dollar: Hong Kong dollar -
Chinese renminbi
(16,4) 16,4 (0,8) 0,8
Canadese dollar 0,4 (0,4) 1,7 (1,7)
Pond sterling (3,1) 3,1 (1,8) 1,8
Australische dollar (3,3) 3,3 (3,3) 3,3
Indische Rupie (3,3) 3,3 (2,3) 2,3
Koreeanse Won (2,6) 2,6 (2,9) 2,9

7.1.6 Renterisico

Het renterisico is het risico dat de reële waarde of toekomstige kasstromen van een financieel instrument zullen schommelen als gevolg van veranderingen in de marktrente.

De Groep is blootgesteld aan het renterisico verbonden aan haar netto rentedragende schuldpositie inclusief valutaswaps en hun rentecomponent die leningen en deposito's tussen ondernemingen van de Groep economisch afdekken. Voor de belangrijkste munten is het renteprofiel hiervan op de balansdatum als volgt:

2015 2014
Opgenomen bedrag aan rentedragende verplichtingen Opgenomen bedrag aan rentedragende verplichtingen
MILJOEN EURO Aan vlottende interestvoet Aan vaste interestvoet Aan vlottende interestvoet Aan vaste interestvoet
Euro (20) 125 (93) 297
US dollar 43 - 30 -
Pond sterling (46) - (36) -
Chinese renminbi (39) - (43) -
Canadese dollar - - (3) -
Australische dollar (4) - (4) -
Japanse yen 11 - 8 -
Overige munten (12) (30) -
TOTAAL (67) 125 (171) 297
NETTO FINANCIËLE SCHULD 58 126

7.1.7 Gevoeligheidsanalyse

Een verandering van 100 basispunten ten opzichte van de interestvoeten geldend per 31 december 2015, zou onderstaande stijging (of daling) teweeg hebben gebracht in de resultaten zoals opgenomen in de winst- en verliesrekening. In deze gevoeligheidsanalyse zijn alle andere risicovariabelen, zoals wisselkoersen, constant gehouden. De gevoeligheidsanalyse werd voor 2014 op dezelfde basis uitgevoerd.

Winst- en verliesrekening
Stijging met 100 basispunten Daling met 100 basispunten
31 december 2015
Netto-impact 0,7 (0,7)
31 december 2014
Netto-impact 1,7 (1,7)

7.1.8 Risico's verbonden aan de schommelingen in de prijzen van de grondstoffen

Het grondstoffenrisico voor de Groep is geconcentreerd rond de grondstoffen zilver en aluminium. Het grondstoffenrisico voor de Groep, zijnde het risico dat de toekomstige kasstromen en resultaten schommelen als gevolg van veranderende materiaalprijzen, hangt nauw samen met andere factoren zoals concurrentiepositie van de Groep en relaties met klanten en leveranciers.

Om het risico op mogelijke prijsstijgingen en prijsschommelingen van de grondstoffen te beperken, past de Groep een strategie toe waarbij de grondstof aluminium wordt aangekocht aan contantkoersen gecombineerd met een systeem van 'Rolling layered forward buying'.

Het systeem van 'Rolling layered forward buying' werd voornamelijk opgezet om de fluctuaties van grondstofprijzen uit te vlakken. Volgens dit model koopt de Groep een vooraf bepaald percentage van het geplande jaarlijkse verbruik aan grondstoffen aan.

Het 'Commodity Steering'-Committee houdt toezicht op de aankoop- en indekkingsstrategie.

Afwijkingen van het model zijn mogelijk, waarbij de Chief Executive Officer de uiteindelijke beslissing neemt.

Het systeem van 'Rolling layered forward buying' wordt bereikt door een combinatie van enerzijds termijncontracten voor de levering van grondstoffen afgesloten met grondstoffenleveranciers overeenkomstig de verwachte behoefte en effectief gebruik van de Groep en anderzijds door 'metal swap'-overeenkomsten. Deze 'metal swap'-overeenkomsten worden afgesloten met een investeringsbank en zijn aangeduid als

kasstroomafdekkingen van de verwachte prijsschommelingen van aluminium dat zal aangekocht worden in de toekomst. Het deel van de winst of verliezen op de swap-overeenkomsten dat effectief gebleken is, werd geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten (31 december 2015: min 14 miljoen euro; 31 december 2014: min 7 miljoen euro). In de loop van 2015 werden verliezen ten belopen van 25 miljoen euro rechtstreeks opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten. Een bedrag van 18 miljoen euro werd geherclasseerd uit de niet-gerealiseerde resultaten en geboekt in de initiële boekwaarde van de voorraad.

Verder tracht de Groep steeds het effect van gestegen grondstoffenprijzen op haar financiële positie te verlichten door verkoopprijsaanpassingen en door het nemen van kostenbesparingsmaatregelen, afhankelijk van de omvang van de grondstoffenprijsstijgingen, van de evolutie van de geldende muntkoersen en de algemene marktomstandigheden.

7.2 KREDIETRISICO

Het kredietrisico is het risico dat de tegenpartij bij een financieel instrument haar verplichtingen niet kan nakomen waardoor de Groep een financieel verlies te verwerken krijgt. De Groep beheert haar kredietrisico enerzijds door het opleggen van vooraf afgesproken kredietlimieten per tegenpartij en anderzijds door middel van diversificatie in contracterende partijen. Het kredietrisico van de Groep komt voornamelijk voort uit handelsvorderingen, investeringen en termijnwisselverrichtingen.

De blootstelling aan het kredietrisico uit handelsvorderingen wordt continu opgevolgd door het 'Credit Committee'. Voor elke klant worden er, gebaseerd op zijn/haar kredietwaardigheid en

specifieke karakteristieken, kredietlimieten bepaald die op periodieke basis herzien worden door het 'Credit Committee'. Voor de opvolging van het kredietrisico worden klanten gegroepeerd in risicocategorieën, op basis van welbepaalde financiële karakteristieken. Het beleid van de Groep voor wat betreft het beheersen van het kredietrisico bepaalt tevens om een deel van de klantenportefeuille te verzekeren via kredietverzekering om het risico op wanbetaling te beperken.

Goederen worden verkocht met behoud van eigendomstitel tot moment van betaling, zodat de Groep in geval van wanbetaling een rechtmatige eis kan stellen op de verkochte goederen. De Groep eist onder normale omstandigheden geen waarborgen met betrekking tot handels- en diverse vorderingen.

Het is enkel toegelaten om afgeleide financiële instrumenten af te sluiten met tegenpartijen die over een hoge kredietwaardigheid beschikken. Om de concentratie van risico's verbonden aan een tegenpartij te beperken, worden afgeleide financiële instrumenten afgesloten met diverse financiële instellingen.

Investeringen zijn enkel toegelaten in activa die vrij verhandelbaar zijn.

7.2.1 Blootstelling aan kredietrisico

Aangezien de Groep over een brede klantenportefeuille beschikt, zijn er geen significante concentraties van kredietrisico op de balansdatum. Het maximale kredietrisico wordt gehouden binnen vooraf opgestelde grenzen.

De respectieve boekwaarden van de financiële activa opgenomen in de balans geven het maximale kredietrisico weer waaraan de Groep is blootgesteld. Het maximale kredietrisico waaraan de Groep blootgesteld is op de rapporteringdatum, per categorie van financiële activa, is als volgt:

MILJOEN EURO Toelichting 2015 2014
Voor verkoop beschikbare financiële activa
Begrepen in Financiële Activa 15 15 13
Tot einde looptijd aangehouden beleggingen
Begrepen in geldmiddelen en kasequivalenten 20 8 24
Financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking
van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening
Begrepen in Financiële Activa 15 - 2
Derivaten die geen deel uitmaken van een afdekkingsrelatie - activa 7.5 2 2
Leningen en vorderingen
Handelsvorderingen 7 515 538
Overige vorderingen 18 106 103
Begrepen in Financiële Activa 15 1 1
Kas, depositorekeningen en cheques 20 115 172

7.2.2 Waardeverminderingsverliezen

De Groep beoordeelt ieder kwartaal of er objectieve aanwijzingen zijn voor het boeken van waardeverminderingsverliezen op een financieel actief of op een groep van financiële activa. Deze waardeverminderingsverliezen worden geboekt voor het verschil tussen de boekwaarde van de vorderingen en de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen.

Individueel belangrijke financiële activa worden op individuele basis beoordeeld op waardeverminderingsverliezen in overleg met het 'Credit Committee'. Bij niet belangrijke financiële activa geschiedt de beoordeling op collectieve basis.

De ouderdomsanalyse van handelsvorderingen en invorderbare minimale lease-betalingen op de rapporteringdatum is de volgende:

2015 2014
MILJOEN EURO Bruto
waarde
Waardeverminderings
verliezen
Netto
waarde
Bruto
waarde
Waardeverminderings
verliezen
Netto
waarde
Handelsvorderingen
Niet vervallen 459 (1) 458 473 (3) 470
Tussen 0 en 30 dagen na vervaldatum 25 (1) 24 26 (1) 25
Tussen 31 en 90 dagen na vervaldatum 13 (1) 12 16 (1) 15
Meer dan 90 dagen na vervaldatum 82 (61) 21 88 (60) 28
TOTAAL HANDELSVORDERINGEN 579 (64) 515 603 (65) 538
Invorderbare minimale lease-betalingen
Niet vervallen 80 (1) 79 78 (1) 77
Tussen 0 en 30 dagen na vervaldatum 1 - 1 1 - 1
Tussen 31 en 90 dagen na vervaldatum 2 - 2 1 - 1
Meer dan 90 dagen na vervaldatum 1 (1) - 1 (1) -
TOTAAL INVORDERBARE
MINIMALE LEASE-BETALINGEN
84 (2) 82 81 (2) 79

Er worden geen waardeverminderingsverliezen geboekt voor vervallen bedragen waarvoor de inning meer dan waarschijnlijk is of waarvoor voldoende waarborgen verkregen werden. De Groep meent dat nog openstaande vorderingen, al meer dan dertig dagen na vervaldatum, volledig inbaar zijn.

Dit op basis van betalingsgedrag uit het verleden en intensieve analyse van het individuele klantenrisico.

De beweging in de waardeverminderingsverliezen met betrekking tot leningen en vorderingen is de volgende:

MILJOEN EURO 2015 2014
Boekwaarde per 1 januari 67 66
Toevoegingen/terugnemingen geboekt in
de winst- en verliesrekening
2 6
Afboeking van de voorziening voor waardeverminderingsverliezen (1) (3) (7)
Wisselkoersverschillen - 2
Boekwaarde per 31 december 66 67

(1) Afboekingen waarvoor vroeger een voorziening voor waardeverminderingsverliezen geboekt was.

7.3 LIQUIDITEITSRISICO

Het liquiditeitsrisico is het risico dat de Groep zijn verplichtingen in verband met financiële schulden op vervaldag niet kan nakomen.

De Groep verzekert zich ervan over voldoende liquiditeiten te beschikken om zijn verplichtingen af te lossen. Het liquiditeitsrisico wordt beheerd door het handhaven van voldoende diversificatie in fondsen.

De Groep heeft een beleid geïmplementeerd om concentraties van het liquiditeitsrisico te beperken. De totaliteit van de opgenomen en nietopgenomen schuld onder gecommitteerde kredietfaciliteiten bij één bank of bankengroep mag vooraf bepaalde limieten niet overschrijden. Risicoconcentraties worden op regelmatige basis opgevolgd door het 'Treasury Committee'.

In het beheer van zijn liquiditeitsrisico heeft de Groep een gecommitteerde kredietfaciliteit ter beschikking. In de loop van 2015 werd deze faciliteit opnieuw onderhandeld voor een periode tot 17 juli 2020.

Het notionele bedrag van deze hernieuwde faciliteit bedraagt 400 miljoen euro. Geldopnamen onder deze kredietlijnen worden gedaan voor korte periodes maar de Groep heeft, onder de bestaande herfinancieringovereenkomst, de mogelijkheid om de leningen te verlengen voor langere periodes na balansdatum. In de looptijdanalyse zoals hieronder voorgesteld zijn de terugbetalingen van de 'revolving'- kredietfaciliteit inbegrepen in de vroegste tijdsband dat de Groep verplicht zou kunnen worden tot terugbetaling van de opgenomen verplichtingen.

De contractuele looptijdanalyse voor financiële verplichtingen, inclusief aflossing van hoofdbedrag en rentebetalingen, wordt in de tabel hieronder weergegeven. De kasstromen over de contractuele resterende looptijden worden berekend op basis van de voorwaarden aangaande wisselkoersen en interestvoeten die bestonden op de rapporteringdatum. Wat betreft derivaten omvat de looptijdanalyse de kasstromen met betrekking tot verplichtingen uit derivaten en alle ingaande en uitgaande kasstromen uit alle termijnwisselverrichtingen die op een bruto manier afgerekend worden. De contractuele kasstromen van termijnwisselverrichtingen werden berekend op basis van termijnwisselkoersen.

2015

Looptijden van contractuele kasstromen
MILJOEN EURO Boek
waarde
TOTAAL Minder
dan
3 maanden
Tussen
3 en 12
maanden
Tussen
1 en 5
jaar
Meer dan
5 jaar
Financiële schulden
Obligatielening 41 51 - 2 49 -
Revolving-kredietfaciliteit (1) 38 40 40 - - -
EIB lening 84 91 15 15 61 -
Andere rentedragende verplichtingen 18 18 8 10 - -
Handelsschulden 206 206 206 - -
Overige te betalen posten 46 46 46 - -
Verplichtingen uit afgeleide financiële instrumenten
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als afdekking van de netto-investering in een buitenlandse entiteit
Uitgaande kasstromen (1) (109) (109) - - -
Inkomende kasstromen - 108 108 - - -
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen
Uitgaande kasstromen - (9) (9) - - -
Inkomende kasstromen - 9 9 - - -
Andere termijnwisselverrichtingen:
Uitgaande kasstromen (3) (205) (205) - - -
Inkomende kasstromen 1 203 203 - - -
Swap contracten aangeduid als kasstroomafdekkingen
Uitgaande kasstromen (13) (13) (2) (10) (1) -
Inkomende kasstromen -

(1) De transactiekosten ten belope van 2 miljoen euro zijn geboekt in mindering van de boekwaarde van de financiële schuld.

2014

Looptijden van contractuele kasstromen
Minder Tussen Tussen
Boek dan 3 en 12 3 en 12 Meer dan
MILJOEN EURO waarde TOTAAL 3 maanden maanden maanden 5 jaar
Financiële schulden
Obligatielening 188 206 - 155 51 -
Revolving-kredietfaciliteit (1) (1) - - - - -
EIB lening 110 121 15 15 91 -
Andere rentedragende verplichtingen 25 25 20 5 - -
Handelsschulden 230 230 230 - -
Overige te betalen posten 49 49 49 - -
Verplichtingen uit afgeleide financiële instrumenten
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als afdekking van de netto-investering in een buitenlandse entiteit
Uitgaande kasstromen (2) (97) (97) - - -
Inkomende kasstromen 95 95 - - -
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen
Uitgaande kasstromen (4) (40) (40) - - -
Inkomende kasstromen 36 36 - - -
Andere termijnwisselverrichtingen:
Uitgaande kasstromen (1) (163) (161) (2) - -
Inkomende kasstromen 1 162 160 2 - -
Swap contracten aangeduid als kasstroomafdekkingen (7) (7) - (6) (1) -

(1) De transactiekosten ten belope van 1 miljoen euro zijn geboekt in mindering van de boekwaarde van de financiële schuld. Op 31 december 2014 waren er geen opnames onder deze faciliteit.

De perioden waarin de kasstromen uit derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen naar verwachting zullen plaatsvinden en naar verwachting de winst- en verliesrekening zullen beïnvloeden, worden in de volgende tabel weergegeven, samen met de reële waarde van het afdekkinginstrument.

2015

Verwachte kasstromen
MILJOEN EURO Reële
waarde
TOTAAL Minder
dan
3 maanden
Tussen
3 en 12
maanden
Tussen
1 en 5
jaar
Meer dan
5 jaar
Derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen en afdekking van een netto-investering
Termijnwisselverrichtingen:
Uitgaande kasstromen (1) (118) (118) - - -
Inkomende kasstromen - 117 117 - - -
Swap contracts:
Uitgaande kasstromen (13) (13) (2) (10) (1) -
Inkomende kasstromen - - - - - -

2014

Verwachte kasstromen
MILJOEN EURO Reële
waarde
TOTAAL Minder
dan
3 maanden
Tussen
3 en 12
maanden
Tussen
1 en 5
jaar
Meer dan
5 jaar
Derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen en afdekking van een netto-investering
Termijnwisselverrichtingen:
Uitgaande kasstromen (6) (137) (137) - - -
Inkomende kasstromen - 131 131 - - -
Swap contracts:
Uitgaande kasstromen (7) (7) - (6) (1) -
Inkomende kasstromen - - - - - -

7.4 KAPITAALBEHEER

Het Executive Management houdt toezicht op de verhouding van de netto financiële schuld ten opzichte van het eigen vermogen. Het Executive Management tracht deze verhouding op een vooropgesteld niveau aan te houden. De netto financiële schuld is de som van kortlopende en langlopende rentedragende verplichtingen verminderd met de geldmiddelen en kasequivalenten. De aanpak van de Groep betreffende kapitaalbeheer is niet gewijzigd gedurende het jaar.

De Groep is niet onderworpen aan wettelijk opgelegde kapitaalvereisten, met uitzondering van statutaire minimum-kapitaalvereisten van toepassing op groepsfilialen in de verschillende landen.

Gedurende de voorbije jaren kocht de Groep eigen aandelen in op de markt.

Deze aandelen dienen ter indekking van de aandelenoptieplannen die in de toekomst uitgegeven zullen worden. De Groep heeft geen vooraf gedefinieerd beleid aangaande terugkoop van eigen aandelen.

7.5 VERWERKINGSCATEGORIEËN EN REËLE WAARDEN

De reële waarde is het bedrag waarvoor een actief kan worden verhandeld of een verplichting kan worden afgewikkeld in een regelmatige transactie tussen marktparticipanten op de waarderingsdatum. Alle afgeleide financiële instrumenten worden tegen reële waarde opgenomen in de balans.

De Groep groepeert haar financiële instrumenten rekening houdend met de kenmerken van deze financiële instrumenten. De reële waarden en de boekwaarden van financiële activa en verplichtingen gegroepeerd per verwerkingscategorie alsook de reconciliatie naar de onderliggende posten in de balans worden toegelicht in de hiernavolgende tabel.

2015

Boekwaarden van financiële activa en verplichtingen
Gewaardeerd aan reële waarde Gewaardeerd
aan geamortiseerde
kostprijs
MILJOEN EURO Toelichting Geclassificeerd als
aangehouden voor
handelsdoeleinden
afdekkingsinstrumenten
Reële waarde -
Gewaardeerd aan reële
waarde via de winst
en verliesrekening
beschikbaar voor verkoop
Aangehouden als
aangehouden beleggingen
Tot einde looptijd
Leningen en vorderingen Boekwaarde op de balans Reële waarde
Activa
Financiële activa 15 - - - 15 - 1 16 16
Handelsvorderingen 7 - - - - - 515 515 (1)
Overige vorderingen -
Vorderingen uit financiële
lease-overeenkomsten
18 - - - - - 82 82 (1)
Overige financiële vorderingen 18 - - - - - 24 24 (1)
Derivaten: -
Termijnwisselverrichtingen
aangeduid als kasstroomafdekkingen
- - - - - - -
Overige termijnwisselverrichtingen 1 - - - - - 1 1
Overige swap-contracten 1 - - - - - 1 1
Geldmiddelen en kasequivalenten 20 - - - - 8 (2) 115 123 123
TOTAAL VAN DE FINANCIËLE ACTIVA 2 - - 15 8 737 762
Financiële verplichtingen
Rentedragende verplichtingen 24
EIB-lening - - - - - 84 84 86
Overige rentedragende verplichtingen - - - - - 56 56 56
Obligatielening - - - - - 41 41 44
Handelsschulden 7 - - - - - 206 206 (1)
Overige verplichtingen 27 - - - - - 46 46 (1)
Derivaten: -
Swap-contracten aangeduid als
kasstroomafdekkingen
- 13 - - - - 13 13
Termijnwisselverrichtingen aangeduid
als kasstroomafdekkingen
- 1 - - - - 1 1
Overige termijnwisselverrichtingen 3 - - - - - 3 3
TOTAAL VAN DE FINANCIËLE
VERPLICHTINGEN
3 14 - - - 433 450

(1) De reële waarde van de handels-en overige vorderingen en van handels- en overige schulden wordt niet apart toegelicht aangezien het kortlopende vorderingen en schulden betreft waarvoor de boekwaarde een goede benadering van reële waarde is. (2) De reële waarde van de leningen en vorderingen aangehouden tot einde looptijd benadert de boekwaarde.

2014

Boekwaarden van financiële activa en verplichtingen
Gewaardeerd aan reële waarde Gewaardeerd
aan geamortiseerde
kostprijs
MILJOEN EURO Toelichting Geclassificeerd als
aangehouden voor
handelsdoeleinden
afdekkingsinstrumenten
Reële waarde -
Gewaardeerd aan reële
waarde via de winst
en verliesrekening
beschikbaar voor verkoop
Aangehouden als
aangehouden beleggingen
Tot einde looptijd
Leningen en vorderingen Boekwaarde op de balans Reële waarde
Activa
Financiële activa 15 - - 2 13 - 1 16 16
Handelsvorderingen 7 - - - - - 538 538 (1)
Overige vorderingen -
Vorderingen uit financiële
lease-overeenkomsten
18 - - - - - 79 79 (1)
Overige financiële vorderingen 18 - - - - - 24 24 (1)
Derivaten: -
Termijnwisselverrichtingen
aangeduid als kasstroomafdekkingen
- - - - - - -
Overige termijnwisselverrichtingen 1 - - - - - 1 1
Overige swap-contracten 1 - - - - - 1 1
Geldmiddelen en kasequivalenten 20 - - - - 24 (2) 172 196 196
TOTAAL VAN DE FINANCIËLE ACTIVA 2 - 2 13 24 814 855
Financiële verplichtingen
Rentedragende verplichtingen 24
EIB-lening - - - - 110 110 113
Overige rentedragende verplichtingen - - - - 24 24 24
Obligatielening - - - - 188 188 192
Handelsschulden 7 - - - - 230 230 (1)
Overige verplichtingen 27 - - - - 49 49 (1)
Derivaten:
Swap-contracten aangeduid als
kasstroomafdekkingen
- 7 - - - - 7 7
Termijnwisselverrichtingen aangeduid
als kasstroomafdekkingen
- 6 - - - - 6 6
Overige termijnwisselverrichtingen 1 - - - - - 1 1
TOTAAL VAN DE FINANCIËLE
VERPLICHTINGEN
1 13 - - - 601 615

(1) De reële waarde van de handels-en overige vorderingen en van handels- en overige schulden wordt niet apart toegelicht aangezien

het kortlopende vorderingen en schulden betreft waarvoor de boekwaarde een goede benadering van reële waarde is.

(2) De reële waarde van de leningen en vorderingen aangehouden tot einde looptijd benadert de boekwaarde.

7.5.1 Basis voor de bepaling van reële waarden

De methoden en veronderstellingen toegepast bij het bepalen van de reële waarde van iedere categorie financiële activa of financiële verplichtingen zijn de volgende:

7.5.1.1 Voor verkoop beschikbare financiële activa

Investeringen in aandelen, andere dan investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode, worden geclassificeerd als financiële activa beschikbaar voor verkoop en worden geboekt aan reële waarde, met uitzondering van de aandelen die niet op een actieve markt zijn genoteerd en waarbij de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan worden bepaald. De reële waarde van financiële activa beschikbaar voor verkoop is hun genoteerde biedkoers op de rapporteringdatum.

7.5.1.2 Financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening

De reële waarden van termijnwisselcontracten zijn de genoteerde marktwaarden op de rapporteringdatum. De reële waarden van derivaten afgesloten ter afdekking van het renterisico worden berekend op basis van verdisconteerde verwachte toekomstige kasstromen rekening houdend met actuele marktrentevoeten en de rendementscurve over de resterende looptijd van het instrument.

7.5.1.3 Leningen en vorderingen

De reële waarde van handelsvorderingen en overige financiële vorderingen is de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen, verdisconteerd aan de marktconforme interestvoeten op de rapporteringdatum. De reële waarde van de handels- en

overige vorderingen en van handels- en overige verplichtingen wordt niet apart toegelicht gezien het gaat over korte termijn vorderingen en verplichtingen waarvoor de netto boekwaarde een goede benadering is van de reële waarde. De reële waarde van invorderbare minimale lease-betalingen is gebaseerd op de contante waarde van de minimum lease-betalingen verdisconteerd aan marktconforme interestvoeten voor vergelijkbare activa.

7.5.1.4 Verplichtingen gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs

De reële waarde is de contante waarde van de toekomstige kasstromen voor de aflossing van het hoofdbedrag en de interestbetalingen, verdisconteerd aan marktconforme interestvoeten op de rapporteringdatum. De reële waarde van de obligatielening is de genoteerde marktprijs op de rapporteringdatum. De reële waarde van de kortlopende leningen is de boekwaarde op rapporteringdatum, exclusief transactiekosten, gezien opnames voor een korte periode aangegaan worden.

7.5.1.5 Reële waardetabel

Gegevens gebruikt voor de reële-waardebepalingen van financiële instrumenten geboekt tegen reële waarde, zijn geclassificeerd in de reële waardetabel hierna volgens niveau van betekenis. De reële waardetabel heeft volgende hiërarchische niveaus:

  • Niveau 1: basisgegevens zijn genoteerde prijzen (niet gecorrigeerd) in actieve markten;
  • Niveau 2: basisgegevens zijn niet-genoteerde prijzen, doch zijn gebaseerd op waarneembare gegevens voor het desbetreffende actief of financiële verplichting; hetzij rechtstreeks (zijnde op basis van prijzen) hetzij onrechtstreeks (afgeleid van de prijzen);
  • Niveau 3: basisgegevens zijn gebaseerd op niet-waarneembare gegevens.
31 december 2015 31 december 2014
Hiërarchie van reële
waardeberekeningen
Hiërarchie van reële
waardeberekeningen
MILJOEN EURO Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3
A. Financiële activa beschikbaar voor verkoop
Gewaardeerd tegen reële waarde 15 - - 13 - -
B. Financiële activa en verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde via
de winst- en verliesrekening
B.1. Geclassificeerd als aangehouden voor handelsdoeleinden
Termijnwisselverrichtingen niet aangeduid als
afdekkingsinstrumenten in een afdekkingsrelatie:
Activa - 2 - - 2 -
Verplichtingen - (3) - - (1) -
B.2. Geclassificeerd als gewaardeerd tegen reële waarde met
verwerking van waardeveranderingen in de winst-en verliesrekening
- - - 2 - -
C. Reële waarde - afdekkingsinstrumenten
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als afdekking
van de netto-investering in een buitenlandse entiteit:
Activa - - - - - -
Verplichtingen - (1) - - (2) -
Swap-contracten aangeduid als kasstroomafdekkingen:
Activa - - - - - -
Verplichtingen - (13) - - (7) -
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen:
Activa - - - - - -
Verplichtingen - - - - (4) -

7.6 BATEN, KOSTEN, WINSTEN EN VERLIEZEN UIT

FINANCIËLE INSTRUMENTEN

2015
MILJOEN EURO Leningen en
vorderingen
Tot einde looptijd
aangehouden
beleggingen
Financiële
activa
beschikbaar
voor verkoop
Derivaten Financiële ver
plichtingen aan
geamortiseerde
kostprijs
TOTAAL
Financieringsbaten 2 - - 1 - 3
Financieringskosten - - - (4) (13) (17)
Inkomsten uit financiële lease-overeenkomsten 7 - - - - 7
Bijzondere waardeverminderingsverliezen (5) - - - - (5)
Opbrengsten uit terugnames van bijzondere
waardeverminderingsverliezen
3 - - - - 3
Veranderingen in reële waarde van derivaten
niet aangeduid als afdekkingsinstrumenten
in een afdekkingsrelatie
- - - (2) - (2)
Nettoresultaat uit de ineffectiviteit van derivaten
toegewezen als kasstroomafdekkingen
- - - - - -
2014
MILJOEN EURO Leningen en
vorderingen
Tot einde looptijd
aangehouden
beleggingen
Financiële
activa
beschikbaar
voor verkoop
Derivaten Financiële ver
plichtingen aan
geamortiseerde
kostprijs
TOTAAL
Financieringsbaten 2 - - - - 2
Financieringskosten - - - (3) (17) (20)
Inkomsten uit financiële lease-overeenkomsten 7 - - - - 7
Bijzondere waardeverminderingsverliezen (9) - - - - (9)
Opbrengsten uit terugnames van bijzondere
waardeverminderingsverliezen
3 - - - - 3
Veranderingen in reële waarde van derivaten niet
aangeduid als afdekkingsinstrumenten in een
afdekkingsrelatie
- - - (1) - (1)
Nettoresultaat uit de ineffectiviteit van derivaten
toegewezen als kasstroomafdekkingen
- - - - - -

8. INFORMATIE OVER DE AARD VAN DE KOSTEN

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de belangrijkste

kosten naar aard.

MILJOEN EURO Note 2015 2014
Kostprijs van grondstoffen, goederen aangekocht
voor verkoop en productiegerelateerde kosten
1.142 1.121
Kostprijs van diensten 78 73
Personeelskosten 877 859
Afschrijvingen 13/14 60 70
(Teruggenomen) bijzondere waardeverminderingsverliezen
op immateriële en materiële activa
14 1 (1)
Afwaardering op voorraden 16 21 22
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op leningen en vorderingen 10 5 9

De kostprijs van de grondstoffen, de goederen aangekocht voor verkoop en productiegerelateerde kosten betreft het totale bedrag aan leveringen van derden (inclusief aankopen van elektriciteit en andere nutsvoorzieningen) voor zover deze opgenomen zijn in de kostprijs van verkopen gedurende het boekjaar.

De kostprijs van diensten betreft het extern voorbereidende werk voor de verwerking of productie van producten en projecten in opdracht van de onderneming voor zover deze opgenomen zijn in de kostprijs van verkopen gedurende het boekjaar.

In 2015 bedroegen de personeelskosten 877 miljoen euro ten opzichte van 859 miljoen euro in 2014.

In 2015 resulteerde de daling van 300 van het gemiddeld aantal werknemers (voltijdse equivalenten) in een daling van de personeelskosten, die meer dan gecompenseerd werd door een negatieve koersimpact.

De personeelskosten kunnen als volgt worden opgesplitst:

MILJOEN EURO 2015 2014
Lonen en salarissen 675 660
Sociale zekerheidsbijdragen 137 137
Kosten voor vergoedingen na uitdiensttreding 49 41
Personeelsgerelateerde reorganisatiekosten 16 21
TOTAAL 877 859

De kosten voor vergoedingen na uitdiensttreding hebben in deze

context betrekking op actieve medewerkers en omvatten:

MILJOEN EURO Toelichting 2015 2014
Toegezegdebijdrageregelingen
Materiële landen (exclusief België) 23 6 5
Niet-materiële landen 4 4
Totaal bedrag werkgeversbijdragen
betreffende toegezegdebijdrageregelingen
10 9
Belgische toegezegdebijdrageregelingen
met gewaarborgd rendement - betaalde bijdragen
Totaal bedrag werkgeversbijdragen betreffende Belgische
toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement
23 12 12
Toegezegdpensioenregelingen
Materiële landen 23 25 19
Niet-materiële landen 2 1
Totaal bedrag aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten 27 20
TOTAAL 49 41

Het gemiddelde aantal personeelsleden in voltijdse equivalenten bedroeg in 2015 10.426 (2014: 10.726). Per functie binnen de

Groep kan dit gemiddelde, omvattende vaste en tijdelijke contracten, als volgt weergegeven worden:

2015 2014
Productie en engineering 3.124 3.240
Onderzoek en ontwikkeling 1.408 1.461
Verkoop en marketing/service 4.094 4.147
Administratie 1.800 1.878
TOTAAL 10.426 10.726

9. OVERIGE BEDRIJFSOPBRENGSTEN

MILJOEN EURO 2015 2014
Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van financiële instrumenten
die geen deel uitmaken van een afdekkingsrelatie (nettobedrag)
62 32
Doorrekening naar klanten 14 14
Terugname van niet-gebruikte voorzieningen geboekt in voorgaande jaren 8 9
Terugname van bijzondere waardeverminderingsverliezen op vorderingen 3 3
Baten uit financiële lease-overeenkomsten 7 7
Winsten uit belangrijke inperking / beëindiging van pensioenregelingen 1 7
Impact herwaardering van het plan inzake langdurige invaliditeit in de VS 2 0
Winst uit de verkoop van materiële vaste activa 4 1
Diverse overige opbrengsten 9 17
TOTAAL 110 90

Inkomsten uit doorbelastingen aan klanten bevatten voornamelijk doorbelastingen van vrachtkosten en kosten van Onderzoek en Ontwikkeling.

De baten uit de financiële lease-overeenkomsten bevatten hoofdzakelijk interestopbrengsten en opbrengsten uit de verkoop van invorderbare minimale lease-betalingen.

Een herstructurering in 2015 in een dochteronderneming in Frankrijk resulteerde in een belangrijke inperking van de pensioenregeling ten bedrage van 1 miljoen euro. In 2014 werd een winst van 7 miljoen euro geboekt als gevolg van een project rond een éénmalige afwikkeling van pensioenverplichtingen betreffende het 'Agfa-Gevaert Fabriekspensioen Plan'. In toelichting 23.1.3 wordt bijkomende informatie verstrekt over dit project.

10. OVERIGE BEDRIJFSKOSTEN

MILJOEN EURO 2015 2014
Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van financiële
instrumenten die geen deel uitmaken van een afdekkingsrelatie (nettobedrag)
69 38
Reorganisatiekosten 17 18
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op vorderingen 5 9
Voorzieningen 6 6
Onttrekking aan een collectieve pensioenregeling in de VS 0 6
Bankkosten 3 3
Kosten van operationele en financiële lease-overeenkomsten 1 2
Diverse overige kosten 24 25
TOTAAL 125 107

In 2015 registreerde de Groep reorganisatiekosten ten belope van 17 miljoen euro (2014: 18 miljoen euro). Deze kosten omvatten opzeggingsvergoedingen ten belope van 16 miljoen euro (2014:

21 miljoen euro) en 1 miljoen niet personeelsgebonden kosten (2014: 3 miljoen euro inkomsten wegens tegenboeken van waardeverminderingsverliezen op voorraden en materiële vaste activa).

11. NETTOFINANCIERINGSLASTEN

MILJOEN EURO 2015 2014
Financieringsbaten
Op bankdeposito's 2 2
TOTAAL FINANCIERINGSBATEN 2 2
Financieringskosten op financiële schulden gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs
Op bankleningen (8) (9)
Op obligatielening (5) (8)
TOTAAL FINANCIERINGSKOSTEN (13) (17)
Overige financieringsbaten
Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van derivaten
die geen deel uitmaken van een afdekkingsrelatie – nettobedrag
5 3
Financiële activa gewaardeerd aan reële waarde via de winst-en verliesrekening
geclassificeerd als aangehouden voor handelsdoeleinden 1 -
Leningen en vorderingen
financieringsbaten op handels -en overige vorderingen - -
Overige 8 5
TOTAAL OVERIGE FINANCIERINGSBATEN 14 8
Overige financieringskosten
Pensioenlast van de periode die als overige financiële opbrengsten/(kosten) wordt
behandeld en renteaandeel op overige rentedragende verplichtingen (1)
(29) (36)
Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van derivaten die
geen deel uitmaken van een afdekkingsrelatie – nettobedrag
(12) (5)
Valutakoersverschillen geherclasseerd naar de winst-en verliesrekening ten gevolge van
de afstoting van een buitenlandse activiteit
(20) -
Financiële activa gewaardeerd aan reële waarde via de winst-en verliesrekening
geclassificeerd als aangehouden voor handelsdoeleinden (4) (3)
Overige (12) (8)
TOTAAL OVERIGE FINANCIERINGSKOSTEN (77) (52)
NETTOFINANCIERINGSLASTEN (74) (2) (59) (2)

(1) Het renteaandeel op overige rentedragende verplichtingen omvat voornamelijk de interesten op de verplichtingen voor brugpensioen.

(2) Bovenvermelde nettofinancieringskosten bevatten volgende financieringsbaten en financieringskosten uit financiële activa en verplichtingen die niet geclassificeerd zijn in de categorie financiële activa en verplichtingen tegen reële waarde met waardeveranderingen opgenomen in de winst- en verliesrekening.

Totale financieringsbaten op financiële activa 2 2

Totale financieringskosten op financiële verplichtingen (13) (17)

12. WINSTBELASTINGEN

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de winstbelastingen volgens aard:

MILJOEN EURO 2015 2014
Betaalde of verschuldigde winstbelastingen (3) 18
Met betrekking tot dit boekjaar 20 18
Met betrekking tot voorgaande boekjaren (23) -
Uitgestelde winstbelastingen 19 -
Met betrekking tot tijdelijke verschillen 7 39
Met betrekking tot niet-gecompenseerde fiscale verliezen
en ongebruikte fiscale verrekenbare tegoeden
12 (39)
Winstbelastingen 16 18

Voor sommige entiteiten van de Groep resulteerde de tax audit over de voorgaande jaren in de loop van 2015 in een positieve afwikkeling. De Groep heeft een herbeoordeling gedaan van de belastingcontrole risico's met betrekking tot de openstaande belastingjaren en heeft toereikende belastingverplichtingen opgenomen.

De belangrijkste componenten van de winstbelastingen worden afzonderlijk toegelicht in de tabel die de aansluiting weergeeft tussen het gemiddelde effectieve belastingtarief en het toepasselijke belastingtarief in toelichting 12.3.2.

12.1 ACTUELE VORDERINGEN EN VERPLICHTINGEN UIT WINSTBELASTINGEN

Actuele vorderingen uit winstbelastingen bedragen 64 miljoen euro (2014: 62 miljoen euro) en actuele verplichtingen uit winstbelastingen bedragen 60 miljoen euro (2014: 61 miljoen euro).

Actuele winstbelastingen voor de huidige en voorgaande periodes, in de mate dat ze nog niet betaald zijn, zijn erkend als een verplichting. Indien het bedrag, reeds betaald met betrekking tot de huidige en voorgaande periodes, groter is dan het bedrag verschuldigd voor die periodes, is het verschil erkend als een vordering.

De Groep is onderworpen aan winstbelastingen in een groot aantal rechtsgebieden. Er bestaan onzekerheden betreffende de interpretaties van complexe fiscale regelgevingen in de respectieve landen. De Groep erkent verplichtingen voor elementen die tijdens een belastingcontrole mogelijk op de voorgrond kunnen treden, gebaseerd op aanvaardbare schattingen betreffende het al dan niet verschuldigd zijn van bijkomende belastingen, waarbij diverse factoren in aanmerking worden genomen zoals ervaring met vorige belastingcontroles en afwijkende interpretaties tussen enerzijds de entiteit die wordt belast en de belastingautoriteit. Verschillen die ontstaan tussen reële resultaten en gemaakte assumpties of toekomstige veranderingen aan dergelijke assumpties kunnen aanpassingen aan de belastinglast van toekomstige periodes noodzakelijk maken.

De Groep meent op grond van de beoordeling van talrijke factoren, zoals hierboven uitgelegd, dat de opgenomen belastingverplichtingen toereikend zijn voor alle nog openstaande belastingjaren.

Actuele vorderingen uit winstbelastingen en actuele verplichtingen uit winstbelastingen worden gecompenseerd als ze betrekking hebben op winstbelastingen geheven door dezelfde belastingautoriteit en als ze bestemd zijn om te worden afgewikkeld op een nettobasis.

12.2 UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN

Uitgestelde belastingvorderingen zijn de bedragen van de winstbelastingen die terugvorderbaar zijn in toekomstige periodes met betrekking tot aftrekbare tijdelijke verschillen, niet-gecompenseerde fiscale verliezen en ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden. Uitgestelde belastingverplichtingen zijn de bedragen van de winstbelastingen die verschuldigd zijn in toekomstige periodes met betrekking tot belastbare tijdelijke verschillen.

De uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen kunnen als volgt worden toegewezen:

31 december 2015 31 december 2014
Ver Ver
MILJOEN EURO Activa plichtingen Netto Activa plichtingen Netto
Immateriële activa en Goodwill 58 29 29 69 30 39
Materiële vaste activa 8 19 (11) 9 20 (11)
Geassocieerde deelnemingen en Financiële vaste activa - - - 2 - 2
Voorraden 22 2 20 16 6 10
Handelsvorderingen 3 1 2 3 2 1
Voorzieningen en verplichtingen wegens vergoedingen
na uitdiensttreding
27 3 24 32 1 31
Andere vlottende activa en overige verplichtingen 4 1 3 7 2 5
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen
met betrekking tot tijdelijke verschillen
122 55 67 138 61 77
Niet-gecompenseerde fiscale verliezen 61 - 61 69 - 69
Ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden 3 - 3 4 - 4
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen voor saldering 186 55 131 211 61 150
Saldering (34) (34) - (38) (38) -
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen 152 21 131 173 23 150

De beweging in tijdelijke verschillen gedurende 2014-2015 wordt toegelicht in 12.4.

Uitgestelde belastingvorderingen worden erkend wanneer er voldoende zekerheid is over de beschikbaarheid van toekomstige belastbare winsten om de tijdelijke verschillen, niet-gecompenseerde fiscale verliezen en ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden te kunnen gebruiken.

De Groep beoordeelt op geregelde tijdstippen de realiseerbaarheid van haar uitgestelde belastingvorderingen, voornamelijk op basis van de langetermijnplanning voor de bedrijfssegmenten Agfa Graphics en Agfa HealthCare en rekening houdend met de winsten uit het verleden en geschatte toekomstige fiscale winsten van de betreffende geconsolideerde entiteiten. Andere parameters zoals het verwachte tijdstip van de afwikkeling van bestaande tijdelijke verschillen en strategieën betreffende planning van de fiscale winst worden eveneens bij deze beoordeling in aanmerking genomen.

Belangrijke wijzigingen aan bedrijfsplannen en/of goederen- en dienstenstromen die de fiscale winsten of verliezen van bepaalde entiteiten van de Groep beïnvloeden, kunnen een impact hebben op de realisatie van uitgestelde belastingvorderingen. Verschillen die ontstaan tussen reële resultaten en gemaakte assumpties of

toekomstige veranderingen aan dergelijke assumpties, kunnen resulteren in het tegenboeken van bepaalde uitgestelde belastingvorderingen wat aanleiding geeft tot een verhoogd effectief belastingtarief voor de Groep.

Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden gecompenseerd als ze betrekking hebben op winstbelastingen geheven door dezelfde belastingautoriteit.

Voor de niet-gecompenseerde fiscale verliezen, de ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden en tijdelijke verschillen werden geen uitgestelde belastingvorderingen opgenomen voor onderstaande bedragen omdat het niet waarschijnlijk is dat er toekomstige fiscale winst beschikbaar zal zijn waarmee deze kunnen worden verrekend:

  • niet-gecompenseerde fiscale verliezen: 310 miljoen euro (2014: 304 miljoen euro);
  • ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden: 37 miljoen euro (2014: 34 miljoen euro);
  • tijdelijke verschillen: 258 miljoen euro (2014: 309 miljoen euro).

De herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregeling (IAS 19R) heeft een belangrijk effect op de niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen op tijdelijke verschillen. De impact van de betreffende wijziging bevindt zich in

entiteiten waarvoor het management van de Groep geoordeeld heeft dat er onvoldoende zekerheid is dat de betreffende belastingbesparing zal kunnen gerealiseerd worden. De nietopgenomen uitgestelde belastingvordering met betrekking tot de impact van de 2011 aanpassing van IAS 19 en de daaropvolgende herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van de

toegezegdpensioenregeling bedraagt 169 miljoen euro en zou een impact hebben in de niet-gerealiseerde resultaten indien opgenomen.

De impact van de uitgestelde belastingvordering op de ongebruikte tijdelijke verschillen, de ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden en de niet-gecompenseerde fiscale verliezen vervalt als volgt:

MILJOEN EURO Tijdelijke
verschillen
Fiscale
verliezen
Belasting
kredieten
TOTAAL
Vervalt in:
2016 - - - -
2017 - 5 1 6
2018 - 1 13 14
2019 - - - -
2020 - - - -
Na - 12 1 13
Zonder vervaldag 258 292 22 572
TOTAAL 258 310 37 605

12.3 RELATIE TUSSEN WINSTBELASTINGEN EN WINST (VERLIES) VOOR BELASTINGEN 12.3.1 Samenvatting 2015

MILJOEN EURO
Winst (verlies) voor belastingen 87
Winstbelastingen 16
Belastingtarief 18,39%

12.3.2 Aansluiting tussen het gemiddelde effectieve

belastingtarief en het toepasselijke belastingtarief

MILJOEN EURO
Winst (verlies) voor belastingen 87
Het product van het resultaat voor belastingen en het toepasselijke belastingtarief 25
Toepasselijke belastingtarief (1) 28,74%
Fiscaal niet-aftrekbare lasten 4
Impact van fiscaal verrekenbare tegoeden en andere verminderingen van de belastbare basis (9)
Fiscale verliezen waarvoor geen uitgestelde belastingvordering werd opgenomen 16
Impact van niet-belastbare valutakoersverschillen overgeboekt naar de winst-en verliesrekening 6
Tegenboeking van voorheen geboekte uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen,
voornamelijk met betrekking tot fiscaal verrekenbare tegoeden
3
Tegenboeking van aftrekbare tijdelijke verschillen waarvoor geen uitgestelde belastingvordering werd erkend (6)
Netto-impact van de herbeoordeling van voorzieningen voor winstbelastingen (5)
Netto-impact van belastingcontroles (16)
Overige (2)
Winstbelastingen 16
Gemiddelde effectieve belastingtarief 18,39%

(1) Het toepasselijke belastingtarief is het gewogen gemiddelde belastingtarief van de Onderneming en al haar geconsolideerde dochterondernemingen.

In 2015 waren er geen wijzigingen aan de toepasselijke belastingtarieven in vergelijking tot het vorige boekjaar die een belangrijke impact hebben gehad op de winstbelastingen.

12.3.3 Samenvatting 2014

MILJOEN EURO
Winst (verlies) voor belastingen 77
Winstbelastingen 18
Belastingtarief 23,38%

12.3.4 Aansluiting tussen het gemiddelde effectieve belastingtarief en het toepasselijke belastingtarief

MILJOEN EURO
Winst (verlies) voor belastingen 77
Het product van het resultaat voor belastingen en het toepasselijke belastingtarief 21
Toepasselijke belastingtarief (1) 27,27%
Fiscaal niet aftrekbare lasten 4
Impact van fiscaal verrekenbare tegoeden en andere verminderingen van de belastbare basis (6)
Fiscale verliezen waarvoor geen uitgestelde belastingvordering werd opgenomen 25
Impact gebruikte fiscale verliezen in 2014 waarvoor in het verleden
geen uitgestelde belastingvordering werd opgenomen
(7)
Uitgestelde belastingvorderingen erkend op verliezen van vorige jaren (8)
Tegenboeking van voorheen geboekte uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen 11
Tegenboeking van aftrekbare tijdelijke verschillen waarvoor geen uitgestelde belastingvordering werd erkend (24)
Overige 2
Winstbelastingen 18
Gemiddelde effectieve belastingtarief 23,38%

(1) Het toepasselijke belastingtarief is het gewogen gemiddelde belastingtarief van de Onderneming en al haar geconsolideerde dochterondernemingen.

12.4 BEWEGING IN TIJDELIJKE VERSCHILLEN GEDURENDE 2014-2015

MILJOEN EURO 31 december 2013 consolidatiekring
Wijziging in
opgenomen in winst-
en verliesrekening
Verschillen
niet-gerealiseerde
Opgenomen in de
resultaten
Valutakoersverschillen 31 december 2014 consolidatiekring
Wijziging in
opgenomen in winst-
en verliesrekening
Verschillen
niet-gerealiseerde
Opgenomen in de
resultaten
Valutakoersverschillen 31 december 2015
Immateriële activa en Goodwill 65 - (26) - - 39 (2) (9) - 1 29
Materiële vaste activa (11) - 1 - (1) (11) - - - - (11)
Geassocieerde deelnemingen en
Financiële vaste activa
2 - - - - 2 - (2) - - -
Voorraden 8 - 2 - - 10 - 7 - 3 20
Vorderingen (1) - 2 - - 1 - 1 - - 2
Voorzieningen en verplichtingen
wegens vergoedingen na
uitdiensttreding
(34) - 59 6 - 31 - (5) (1) (1) 24
Andere vlottende activa en
overige verplichtingen
4 - 1 (1) 1 5 - 1 - (3) 3
Uitgestelde belastingvorderingen
en -verplichtingen met betrekking
tot tijdelijke verschillen
33 - 39 5 - 77 (2) (7) (1) - 67
Niet-gecompenseerde fiscale
verliezen
105 - (39) 1 2 69 - (11) - 3 61
Ongebruikte fiscaal
verrekenbare tegoeden
4 - - - - 4 - (1) - - 3
Uitgestelde belastingvorderingen
en -verplichtingen
142 - - 6 2 150 (2) (19) (1) 3 131

De uitgestelde belastingvordering op de voorzieningen en verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding die opgenomen zijn in de niet-gerealiseerde resultaten hebben betrekking op de herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregeling (IAS 19R). De grondslag voor financiële verslaggeving voor de opname van de uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot deze herwaarderingen is uitgelegd in toelichting 3.7.2.1.

13. IMMATERIËLE ACTIVA EN GOODWILL

Immateriële activa
met
onbepaalde
gebruiks
duur
met beperkte gebruiksduur
MILJOEN EURO Goodwill Merknamen ontwikkelingskosten
Geactiveerde
Technologie Cliëntencontracten
en -relaties
Merknamen informatiesystemen
Management
eigendomsrechten
en andere licenties
Industriële
Vooruitbetalingen op
immateriële activa
TOTAAL
Aanschaffingswaarde per 31 december 2013 591 17 42 213 105 13 109 72 - 1.162
Valutakoersverschillen 21 - - 1 2 1 5 - - 30
Wijziging in consolidatiekring - - - - - - - - - -
Investeringsuitgaven - - - - - - - 4 - 4
Buitengebruikstellingen - - - - - - (3) (10) - (13)
Overboekingen - - - - - - - 1 - 1
Aanschaffingswaarde per 31 december 2014 612 17 42 214 107 14 111 67 - 1.184
Valutakoersverschillen 7 - - (2) 1 - 4 1 - 11
Wijziging in consolidatiekring 3 - - 1 6 - - - - 10
Investeringsuitgaven - - - - 1 - 1 3 - 5
Buitengebruikstellingen - - - - - - - (9) - (9)
Overboekingen - - - - - - 4 - - 4
Aanschaffingswaarde per 31 december 2015 622 17 42 213 115 14 120 62 - 1.205
Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waar
deverminderingsverliezen per 31 december 2013
88 4 39 162 76 8 103 64 - 544
Valutakoersverschillen 4 - - 1 2 - 4 - - 11
Wijziging in consolidatiekring - - - - - - - - - -
Afschrijvingen van het jaar - - 3 10 4 1 3 2 - 23
Bijzondere waardeverminderingsverliezen - - - - - - - - - -
Buitengebruikstellingen - - - - - - (3) (6) - (9)
Overboekingen - - - - - - - - - -
Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waar
deverminderingsverliezen per 31 december 2014
92 4 42 173 82 9 107 60 - 569
Valutakoersverschillen 1 - - (2) 1 - 4 1 - 5
Wijziging in consolidatiekring - - - - - - - - - -
Afschrijvingen van het jaar - - - 5 4 1 3 2 - 15
Bijzondere waardeverminderingsverliezen - - - - - - - - - -
Buitengebruikstellingen - - - - - - - (6) - (6)
Overboekingen - - - - - - - - - -
Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waar
deverminderingsverliezen per 31 december 2015
93 4 42 176 87 10 114 57 - 583
Boekwaarde per 31 december 2013 503 13 3 51 29 5 6 8 - 618
Boekwaarde per 31 december 2014 520 13 0 41 25 5 4 7 - 615
Boekwaarde per 31 december 2015 529 13 0 37 28 4 6 5 - 622

In 2015 bedragen de investeringsuitgaven voor immateriële activa 5 miljoen euro (2014: 4 miljoen euro). De investeringen in immateriële activa zoals weergegeven in het geconsolideerde kasstroomoverzicht bedragen 2 miljoen euro (2014: 1 miljoen euro). Het verschil van 3 miljoen euro (2014: 3 miljoen euro) betreft toegekende warmtekrachtcertificaten en emissierechten die niet resulteerden in kasuitgaven.

Op het einde van 2015 en 2014 heeft de Groep haar goodwill en immateriële activa met onbepaalde gebruiksduur getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. Het betreft merknamen met een onbepaalde gebruiksduur, die volledig toegewezen zijn aan het operationele segment Agfa HealthCare. Er waren echter geen indicaties tot mogelijke bijzondere waardevermindering. Bovendien heeft de Groep onderzocht of er een indicatie was die wijst op een mogelijke bijzondere waardevermindering voor de immateriële activa met beperkte gebruiksduur. Dit resulteerde niet in het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies.

Het management van de Groep heeft op het einde van 2015 beoordeeld of de gebruiksduur van haar belangrijkste immateriële activa nog terecht is. Dit resulteerde niet in een herziening van de afschrijvingstermijnen. In rubriek 13.3 worden de onderliggende veronderstellingen van de gebruiksduur verder toegelicht.

13.1 ONDERZOEK OP BIJZONDERE WAARDEVERMINDERING VAN GOODWILL

Voor de jaarrekening van de Groep wordt de goodwill jaarlijks onderzocht op bijzondere waardevermindering en telkens er een aanwijzing is die wijst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. In het kader van het onderzoek op bijzondere waardevermindering is goodwill toegerekend aan een kasstroomgenererende eenheid.

In overeenstemming met de definitie van kasstroomgenererende eenheid heeft het management van de Groep, de te rapporteren segmenten als kasstroomgenererende eenheden geïdentificeerd, zijnde Agfa Graphics, Agfa HealthCare en Agfa Specialty Products. Het te rapporteren segment vertegenwoordigt het laagste niveau binnen de Groep waarop goodwill opgevolgd wordt voor interne managementdoeleinden.

Goodwill wordt getoetst voor bijzondere waardevermindering door de boekwaarde van elke kasstroomgenererende eenheid te vergelijken met haar realiseerbare waarde. De realiseerbare waarde van de kasstroomgenererende eenheid is bepaald aan de hand van de berekende bedrijfswaarde.

De bedrijfswaarde wordt bepaald als de contante waarde van verwachte toekomstige kasstromen, welke worden afgeleid van de huidige langetermijnplanning van de Groep.

De disconteringsvoet die gebruikt wordt in de bepaling van de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen is een disconteringsvoet die gebaseerd is op een gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC). De gewogen gemiddelde kapitaalkost is gebaseerd op deze van een gemiddelde marktparticipant van een groep van peers waarbij een extra risicocomponent toegevoegd werd aan de kost van eigen vermogen. De kost van vreemd vermogen is gebaseerd op voorwaarden die vergelijkbare bedrijven voor hun langetermijnfinanciering zouden kunnen onderhandelen.

De disconteringsvoet is voor elke kasstroomgenerende eenheid afzonderlijk berekend op basis van de verhouding schuldgraad versus eigen vermogen van elke groep van peers. De disconteringsvoet voor belastingen is afgeleid van de gewogen gemiddelde kapitaalkost bij wijze van iteratie.

Er dient tevens vermeld te worden dat de Groep het effect van gestegen zilverprijzen op haar financiële positie zal trachten te verlichten onder andere door verkoopprijsaanpassingen en door het nemen van kostenbesparingsmaatregelen, afhankelijk van de omvang van de grondstoffenprijsstijgingen, van de evolutie van de geldende muntkoersen en de algemene marktomstandigheden.

13.1.1 Kasstroomgenererende eenheid Agfa Graphics

Per 31 december 2015 omvat de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid Agfa Graphics goodwill ten belope van 38 miljoen euro. Per jaareinde 2015 heeft de Groep de goodwill behorende tot de kasstroomgenererende eenheid Agfa Graphics getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. Rekening houdend met de gebruikte veronderstellingen is de bedrijfswaarde van de eenheid groter dan haar boekwaarde en is er

geen bijzondere waardevermindering geboekt.

De bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid Agfa Graphics is bepaald op basis van kasstroomvoorspellingen over de komende vijf jaar. De kasstroomprognoses werden bepaald op basis van een formeel door de Raad van Bestuur goedgekeurd strategisch bedrijfsplan. Na vijf jaar wordt de residuele waarde van de kasstroomgenererende eenheid bepaald, rekening houdend met een groeivoet van -2,0% in de 'prepress'-activiteit,

van 0,0% in de 'inkjet'-toepassingen en een groeivoet van 0,0% in de verpakkingsactiviteiten. De groeivoeten zijn afgeleid van beschikbare marktinformatie.

De belangrijkste veronderstellingen gebruikt in de beoordeling van een mogelijke bijzondere waardevermindering zijn bepaald door het management van het segment Agfa Graphics en zijn gebaseerd op prestaties uit het verleden en de verwachtingen betreffende marktontwikkeling.

Deze zijn als volgt:

  • gewogen gemiddelde kapitaalkost na belastingen: 6,36% (2014: 6,30%).
  • disconteringsvoet voor belastingen: 8,20% (2014: 8,64%).
  • groeivoet gehanteerd voor de berekening van de residuele waarde (na vijf jaar): -2,0% (2014: 0,0%) in de 'prepress' activiteit, 0,0% (2014: 0,0%) in de 'inkjet'-toepassingen en 0,0% (2014: 1,0%) in de verpakkingsactiviteiten.
  • aluminium: range tussen 1.519-1.578 euro/ton (2014: 1.563 euro/ton).
  • zilverprijzen: 17 USD/Troz. (2014: range tussen 18-19 USD/Troz.).
  • wisselkoers US dollar/euro: 1,115 (2014: US dollar/euro: 1,30).
  • opbrengsten en brutowinstmarge: de opbrengsten en de brutowinstmarge reflecteren de verwachtingen van het management gebaseerd op ervaringen uit het verleden en rekening houdend met risico's specifiek voor het te rapporteren segment.

Er werden sensitiviteitsanalyses uitgevoerd waarbij het effect onderzocht werd van een redelijkerwijs mogelijke wijziging van de belangrijkste gehanteerde veronderstellingen op de bedrijfswaarde van de eenheid, zijnde substantieel verhoogde grondstofprijzen (zilver en aluminium) en een verhoging van de gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC).

De gevoeligheidsanalyse is gebaseerd op een stijging van de zilver- en de aluminium prijs en op een stijging van 100 basispunten van de WACC. Op basis van voornoemde gevoeligheidsanalyses is het management ervan overtuigd dat een redelijkerwijs mogelijke wijziging in een belangrijke veronderstelling waarop management zijn bepaling van de realiseerbare waarde van de eenheid heeft gebaseerd, geen aanleiding zal geven tot het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies.

13.1.2 Kasstroomgenererende eenheid Agfa HealthCare

Per 31 december 2015 bedraagt de boekwaarde van de goodwill van de kasstroomgenererende eenheid Agfa HealthCare 491 miljoen euro. Per jaareinde 2015 heeft de Groep de goodwill behorende tot de kasstroomgenererende eenheid Agfa HealthCare getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering.

Rekening houdend met de gebruikte veronderstellingen is de bedrijfswaarde van de eenheid groter dan haar boekwaarde en is er geen bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt.

De bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid Agfa HealthCare wordt bepaald op basis van kasstroomvoorspellingen over de komende vijf jaar.

De kasstroomprognoses werden bepaald op basis van een formeel door de Raad van Bestuur goedgekeurd strategisch bedrijfsplan. Na vijf jaar wordt de residuele waarde van de kasstroomgenererende eenheid bepaald, rekening houdend met een groeivoet voor de divisie Information Technology Solutions (IT-oplossingen) van 1,97% en een groeivoet voor de divisie Imaging Systems van 0,36%. De groeivoeten zijn afgeleid van beschikbare marktinformatie.

De belangrijkste veronderstellingen gebruikt in de beoordeling van een mogelijke bijzondere waardevermindering zijn bepaald door het management van het te rapporteren segment Agfa HealthCare en zijn gebaseerd op prestaties uit het verleden en de verwachtingen wat betreft marktontwikkeling.

Deze zijn als volgt:

  • Gewogen gemiddelde kapitaalkost na belastingen: 8,36% (2014: 8,29%).
  • Disconteringsvoet voor belastingen: 10,13% (2014: 10,61%).
  • Groeivoet gehanteerd voor de berekening van de residuele waarde (na vijf jaar): 1,97% voor IT-oplossingen (2014: 2%) en 0,36% voor Imaging Systems (2014: 1,03%).
  • Zilverprijzen: 17 USD / Troz. (2014: range tussen 18-19 USD/Troz.)
  • Wisselkoers US dollar/euro: 1,115 (2014: US dollar/euro: 1,30).
  • Opbrengsten en brutowinstmarge: de opbrengsten en de brutowinstmarge reflecteren de verwachtingen van het management gebaseerd op ervaringen uit het verleden en rekening houdend met risico's specifiek voor het te rapporteren segment.

Er werd een sensitiviteitsanalyse uitgevoerd waarbij het effect onderzocht werd van een redelijkerwijs mogelijke verhoging van de gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC) en een substantiële verhoging van de zilverprijs. De sensitiviteitsanalyse is gebaseerd op een mogelijkse verhoging van de zilverprijs over de lange termijnhorizon met 8 USD/Troz. en een verhoging van de WACC met 100 basispunten. Deze sensitiviteitsanalyses hebben geen risico op een mogelijks bijzondere waardevermindering onthult. Op basis van voornoemde gevoeligheidsanalyse is het management ervan overtuigd dat een redelijkerwijs mogelijke wijziging in een belangrijke veronderstelling waarop management zijn bepaling van de realiseerbare waarde van de eenheid heeft gebaseerd, geen aanleiding zal geven tot het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies.

13.1.3 Kasstroomgenererende eenheid Agfa Specialty Products

Per 31 december 2015 omvat de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid Agfa Specialty Products geen goodwill.

13.2 ONDERZOEK OP BIJZONDERE WAARDEVERMINDERING VAN IMMATERIËLE ACTIVA MET ONBEPAALDE GEBRUIKSDUUR

Op het einde van 2015 en 2014 heeft de Groep haar immateriële activa met onbepaalde gebruiksduur getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. Het betreft merknamen met een onbepaalde gebruiksduur, die volledig toegewezen zijn aan het operationele segment Agfa HealthCare. Dit resulteerde niet in het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies.

13.3 GEBRUIKSDUUR VAN IMMATERIËLE ACTIVA MET EEN BEPERKTE GEBRUIKSDUUR

De gebruiksduur van een immaterieel actief is de periode, waarin het actief verwacht wordt op een directe of op een indirecte wijze bij te dragen tot de toekomstige kasstromen van de Groep. Verworven technologie, cliëntencontracten en -relaties zijn de meest belangrijke immateriële activa van de Groep.

Voor verworven technologie is de schatting van de resterende gebruiksduur gebaseerd op een analyse van factoren zoals typische productlevenscycli in de industrie en technologische en economische veroudering voortkomende hoofdzakelijk uit verwachte acties van concurrenten en potentiële concurrenten.

Op 31 december 2015 bedroeg de nettoboekwaarde van de door de Groep verworven technologie 37 miljoen euro (2014: 41 miljoen euro). De door de Groep verworven technologie heeft een geschatte gewogen gemiddelde resterende gebruiksduur van ongeveer negen jaar. De gebruiksduur van immateriële activa wordt regelmatig beoordeeld en herzien indien noodzakelijk.

Voor verworven cliëntencontracten en -relaties is de schatting van de resterende gebruiksduur gebaseerd op ratio's die het verval van cliëntenrelaties weergeven.

Voor de schatting van dergelijke ratio's beoordeelt de Groep de waarschijnlijkheid dat bestaande contracten worden hernieuwd. Voor de beoordeling van de waarschijnlijkheid dat bestaande contracten worden hernieuwd, worden de vraag, de concurrentie en andere factoren zoals technologische afhankelijkheid en daarmee verband houdende 'sunk costs' in overweging genomen.

Op 31 december 2015 bedroeg de nettoboekwaarde van de door de Groep verworven cliëntencontracten en -relaties 28 miljoen euro (2014: 25 miljoen euro). De door de Groep verworven cliëntencontracten en -relaties hebben een geschatte gewogen gemiddelde resterende gebruiksduur van ongeveer negen jaar. De gebruiksduur van immateriële activa wordt regelmatig beoordeeld en herzien indien noodzakelijk.

Hoewel de Groep van oordeel is dat de gebruikte veronderstellingen (zoals de productlevenscycli en de ratio's die het verval van cliëntenrelaties weergeven) geschikt zijn, kunnen belangrijke verschillen in actuele ervaring een impact hebben op de toekomstige afschrijvingslast voor de Groep.

14. MATERIËLE VASTE ACTIVA

MILJOEN EURO Terreinen,
gebouwen en
infrastructuur
Machines en
technische
uitrusting
Meubilair
en overige
materiële vaste
activa
Vaste activa in
aanbouw en
vooruitbetalingen
op materiële
vaste activa
TOTAAL
Aanschaffingswaarde per 31 december 2013 353 1.515 225 13 2.106
Valutakoersverschillen 7 27 4 0 38
Wijziging in consolidatiekring - - - - -
Investeringsuitgaven 2 10 11 14 37
Buitengebruikstellingen (3) (30) (30) (1) (64)
Overboekingen 1 7 2 (11) (1)
Aanschaffingswaarde per 31 december 2014 360 1.529 212 15 2.116
Valutakoersverschillen 4 17 (1) - 20
Wijziging in consolidatiekring - - - - -
Investeringsuitgaven 1 11 12 13 37
Buitengebruikstellingen (13) (29) (10) - (52)
Overboekingen (7) 7 1 (14) (13)
Aanschaffingswaarde per 31 december 2015 345 1.535 214 14 2.108
Geaccumuleerde afschrijvingen en
bijzondere waardeverminderingsverliezen
per 31 december 2013
265 1.396 203 - 1.864
Valutakoersverschillen 4 24 4 - 32
Wijziging in consolidatiekring - - - - -
Afschrijvingen van het jaar 7 29 11 - 47
Teruggenomen bijzondere
waardeverminderingsverliezen
- (1) - - (1)
Buitengebruikstellingen (2) (30) (28) - (60)
Overboekingen - - - - -
Geaccumuleerde afschrijvingen en
bijzondere waardeverminderingsverliezen
per 31 december 2014
274 1.418 190 - 1.882
Valutakoersverschillen 2 17 - - 19
Wijziging in consolidatiekring - - - - -
Afschrijvingen van het jaar 7 28 10 - 45
Bijzondere waardeverminderingsverliezen - 1 - - 1
Buitengebruikstellingen (12) (29) (8) - (49)
Overboekingen (4) - - - (4)
Geaccumuleerde afschrijvingen en
bijzondere waardeverminderingsverliezen
per 31 december 2015
267 1.435 192 - 1.894
Boekwaarde per 31 december 2013 88 119 22 13 242
Boekwaarde per 31 december 2014 86 111 22 15 234
Boekwaarde per 31 december 2015 78 100 22 14 214

In 2015 bedroegen de investeringsuitgaven voor materiële vaste activa 37 miljoen euro (2014: 37 miljoen euro), waarvan 13 miljoen euro (2014: 14 miljoen euro) voornamelijk betrekking heeft op activa in aanbouw voor efficiëntieverhoging, instandhouding en IT gerelateerde projecten in de productie in België, Duitsland, Frankrijk en Verenigd Koninkrijk.

De investeringen in materiële vaste activa zoals weergegeven in het geconsolideerde kasstroomoverzicht bedragen 35 miljoen euro. Het verschil van 2 miljoen euro betreft activa getransfereerd uit voorraad die niet resulteerden in kasuitgaven.

De Groep, als leasinggever, heeft ook een aantal activa onder operationele lease in haar balans opgenomen onder de rubriek 'Overige materiële vaste activa'.

Per eind december 2015 bedroeg de nettoboekwaarde van de materiële vaste activa onder operationele lease 2 miljoen euro (2014: 3 miljoen euro).

De minimale lease-betalingen onder niet-opzegbare operationele leaseovereenkomsten worden weergegeven in toelichting 28.

In de loop van 2015 werd een bedrag van 5 miljoen euro getransfereerd van terreinen, gebouwen en infrastructuur naar vaste activa aangehouden voor verkoop. In toelichting 21 wordt verdere informatie weergegeven.

15. FINANCIËLE ACTIVA

MILJOEN EURO 2015 2014
Tot einde looptijd aangehouden beleggingen - -
Financiële activa gewaardeerd aan reële waarde met verwerking
van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening
- 2
Voor verkoop beschikbare financiële activa 15 13
Leningen en vorderingen 1 1
TOTAAL 16 16

Per 31 december 2015 omvat de categorie voor verkoop beschikbare financiële activa, investeringen in genoteerde ondernemingen en een belegging in een obligatiefonds. Deze activa zijn geboekt aan reële waarde met veranderingen in reële waarde geboekt in het eigen vermogen.

In 2014 bevatte de categorie financiële activa gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening, aandelen in een beleggingsmaatschappij die bij eerste opname specifiek toegewezen werden aan deze categorie van financiële activa. In de loop van 2015 werd deze investering verkocht.

16. VOORRADEN

MILJOEN EURO 2015 2014
Grond- en hulpstoffen 69 74
Goederen in bewerking en halfafgewerkte producten 121 112
Afgewerkte producten 47 50
Handelsgoederen inclusief wisselstukken 213 212
Goederen onderweg en andere voorraden 62 64
TOTAAL 512 512

De afwaarderingen van de voorraden naar opbrengstwaarde bedroegen 21 miljoen euro in 2015 (2014: 22 miljoen euro). Deze afwaarderingen hebben betrekking op verouderde, beschadigde of vervallen voorraad. De kost van deze voorraad is volledig

afgeschreven. Bijgevolg heeft de Groep op 31 december 2015 geen voorraden gewaardeerd aan reële waarde minus verkoopkosten.

In de geconsolideerde winst- en verliesrekening zijn de afwaarderingen van de voorraaden in de kostprijs van verkopen verwerkt.

17. OVERIGE BELASTINGVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN

Overige belastingvorderingen bedragen 26 miljoen euro (2014: 45 miljoen euro) en overige belastingverplichtingen bedragen 45 miljoen euro (2014: 63 miljoen euro).

Overige belastingvorderingen en -verplichtingen hebben betrekking op overige belastingen, zoals BTW en andere indirecte belastingen.

Overige belastingvorderingen en -verplichtingen worden gecompenseerd als ze betrekking hebben op belastingen geheven door dezelfde belastingautoriteit en als ze bestemd zijn om te worden afgewikkeld op een nettobasis.

18. OVERIGE VORDERINGEN

Overige vorderingen zoals gepresenteerd in de geconsolideerde balans ten belope van 106 miljoen euro (2014: 103 miljoen euro) omvatten invorderbare minimale lease-betalingen ten belope van 82 miljoen euro (2014: 79 miljoen euro), nog niet geactiveerde lease-contracten 9 miljoen euro (2014: 9 miljoen euro), vorderingen ten opzichte van het personeel 2 miljoen euro (2014: 3 miljoen euro) en overige 13 miljoen euro (2014: 12 miljoen euro).

MILJOEN EURO 2015 2014
Invorderbare minimale lease-betalingen 82 79
Nog niet-geactiveerde lease-contracten 9 9
Vorderingen ten opzichte van het personeel 2 3
Overige 13 12
TOTAAL 106 103

18.1 INVORDERBARE MINIMALE LEASE-BETALINGEN

Lease-overeenkomsten waarbij de tegenpartij, de leasingnemer, als economische eigenaar van het actief wordt beschouwd, worden opgenomen als vordering voor een bedrag gelijk aan de contante waarde van de toekomstige minimale lease-betalingen. De contante waarden van de toekomstige minimale leasebetalingen bedroegen 84 miljoen euro (2014: 81 miljoen euro)

per 31 december 2015 en zullen tot aan het einde van de lease-periode financieringsbaten voor een bedrag van 8 miljoen euro genereren (2014: 8 miljoen euro). Per 31 december 2015 bedroegen de waardeverminderingen op deze vorderingen 2 miljoen euro (2014: 2 miljoen euro).

De invorderbare, minimale lease-betalingen zijn als volgt:

2015
MILJOEN EURO toekomstige minimale
lease-betalingen
Totaal van de
financieringsbaten
Onverdiende
Contante waarde van de
toekomstige minimale
lease-betalingen
toekomstige minimale
lease-betalingen
Totaal van de
financieringsbaten
Onverdiende
Contante waarde van de
toekomstige minimale
lease-betalingen
Niet later dan één jaar 38 4 34 37 4 33
Later dan één jaar en niet later dan vijf jaar 53 4 49 52 4 48
Later dan vijf jaar 1 - 1 - - -
TOTAAL 92 8 84 89 8 81
Waardeverminderingen (2) (2)
Invorderbare minimale lease-betalingen 82 79

De Groep sluit voor bepaalde uitrusting financiële leaseovereenkomsten af voornamelijk via Agfa Finance (zijnde Agfa Finance NV, haar filialen, Agfa Finance Corp. en Agfa Finance Inc.) en via Agfa verkooporganisaties in Nieuw-Zeeland en Australië.

Bij het aangaan van de lease-overeenkomst bedraagt de contante waarde van de minimale lease-betalingen doorgaans minstens 90% van de reële waarde van de activa die onder een financiële lease worden aangehouden.

Het overgrote deel van de lease-overeenkomsten afgesloten met Agfa Finance hebben een niet-opzegbare lease-periode van vier jaar. Meestal voorzien de overeenkomsten in een koopoptie voor het actief na het verstrijken van de lease-periode aan een waarde die doorgaans tussen de 2% en 5% van de bruto-investering bij het afsluiten van de lease-overeenkomst bedraagt. In sommige gevallen wordt de reële waarde van het actief terugbetaald door middel van een koopverplichting voor verbruiksgoederen aan een hogere waarde dan hun marktwaarde. In dit geval dient de toeslag hoog genoeg te zijn om het initieel door de leasinggever geïnvesteerde bedrag te dekken. In deze overeenkomsten kan de toeslag en/of de lease-periode veranderd worden.

Agfa Finance biedt haar diensten aan via haar dochterondernemingen in Frankrijk en Italië en via haar bijkantoren in Europa (Spanje, Zwitserland, Benelux, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en de Scandinavische landen) via Agfa Finance Corp. in de Verenigde Staten en Agfa Finance Inc. in Canada. Per 31 december 2015 bedroeg de contante waarde van de minimale lease-betalingen voor Agfa Finance vóór verrekening van waardeverminderingen 82 miljoen euro (2014: 78 miljoen euro). Agfa verkooporganisaties in Australië en Nieuw-Zeeland bieden hun klanten financiering aan voor grafische uitrusting met een gemiddelde resterende lease-periode van twaalf maanden. Per 31 december 2015 bedroeg de contante waarde van de minimale lease-betalingen vóór verrekening van waardeverminderingen 2 miljoen euro (2014: 3 miljoen euro).

In 2015 heeft de Groep een deel van de lease-portfolio ter waarde van 6 miljoen euro verkocht (2014: 8 miljoen euro).

19. OVERIGE ACTIVA

Overige activa bevatten uitgestelde kosten en overige niet-financiële activa. Uitgestelde kosten bevatten voornamelijk lange termijndienstverleningscontracten met betrekking tot toekomstige boekjaren.

Overige activa kunnen als volgt voorgesteld worden:

MILJOEN EURO 2015 2014
Uitgestelde kosten 32 34
Voorschotten op kosten (voornamelijk mbt douane-expediteurs) 6 7
Waarborgen en bewaargevingen 6 5
Overige - 5
TOTAAL 44 51

20. GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN

De reconciliatie van geldmiddelen en kasequivalenten zoals gerapporteerd in de geconsolideerde balans kan als volgt worden weergegeven:

MILJOEN EURO 2015 2014
Effecten beschikbaar voor verkoop 8 24
Kas, depositorekeningen en cheques 115 172
Onderpand voor derivaten (metal swaps) 9 3
Overige kas, depositorekeningen en cheques 106 169
Geldmiddelen en kasequivalenten zoals gerapporteerd
in de geconsolideerde balans
123 196
Vorderingen ingevolge liquiditeitsovereenkomst
(in de balans opgenomen onder de rubriek 'Overige vorderingen')
- -
Schulden ingevolge liquiditeitsovereenkomst
(in de balans opgenomen onder de rubriek 'Overige verplichtingen')
(1) (2)
Geldmiddelen en kasequivalenten zoals weergegeven
in het geconsolideerd kasstroomoverzicht
122 194

21. VASTE ACTIVA AANGEHOUDEN VOOR VERKOOP

De vaste activa aangehouden voor verkoop hebben betrekking op de geplande verkoop van de activa van de gesloten offset drukplatenfabriek in Banwol, Zuid-Korea die toebehoren aan het operationele segment Agfa Graphics. De verkoop van de activa zal in 2016 plaats vinden.

De boekwaarde van de betreffende terreinen, gebouwen en infrastructuur werd gewaardeerd aan hun boekwaarde per 31 december 2015. De reële waarde na aftrek van verkoopkosten is groter dan de boekwaarde.

22. EIGEN VERMOGEN

De diverse componenten van het eigen vermogen evenals de wijzigingen tussen 1 januari 2014 en 31 december 2015 worden weergegeven in de Geconsolideerde Staat van het Eigen Vermogen.

22.1 MAATSCHAPPELIJK KAPITAAL EN UITGIFTEPREMIE

Op 31 december 2015 bedraagt het maatschappelijk kapitaal van de Onderneming 187 miljoen euro, verdeeld over 171.851.042 volstorte gewone aandelen zonder nominale waarde.

22.2 INGEKOCHTE EIGEN AANDELEN

De reserve voor eigen aandelen bevat de kostprijs van de ingekochte eigen aandelen. Per 31 december 2015 hield de Groep 4.099.852 (2014: 4.099.852) eigen aandelen aan.

22.3 REËLE WAARDERESERVE

De reële waardereserve bevat voornamelijk de herwaardering van de deelneming van de Groep in Digital Illustrate Inc. en is aangeduid als financieel actief beschikbaar voor verkoop.

22.4 AFDEKKINGSRESERVE

Per 31 december 2015 bevat de afdekkingsreserve het effectief gedeelte van de veranderingen in reële waarde van 'metal swap'-overeenkomsten en van termijnwisselcontracten aangeduid als kasstroomafdekkingen.

Gedurende 2015 en 2014 heeft de Groep een aantal 'metal swap' overeenkomsten afgesloten met een investeringsbank. Deze contracten werden aangeduid als kasstroomafdekkingen van het risico op prijsschommelingen van de grondstoffen welke zeer waarschijnlijk zullen worden aangekocht. Het betreft contracten die zijn afgesloten voor de levering van grondstoffen en die in overeenkomst zijn met het verwachte verbruik van de Groep. Het deel van de winsten (verliezen) op de swapovereenkomsten dat effectief gebleken is, werd geboekt in de nietgerealiseerde resultaten (31 december 2015: min 14 miljoen euro; 31 december 2014: min 7 miljoen euro).

In de loop van 2015 duidde de Groep termijnwisselcontracten aan als kasstroomafdekkingen van het vreemde-valutarisico in pond sterling met betrekking tot zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen in die respectieve munten voor de volgende 12 maanden. In de loop van 2014 duidde de Groep termijnwisselcontracten aan als kasstroomafdekkingen van het vreemde-valutarisico in US dollar en pond sterling met betrekking tot zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen in die respectieve munten voor de volgende 12 maanden. Het deel van de winsten op de termijnwisselcontracten dat effectief gebleken is (31 december 2015: 0 miljoen euro; 31 december 2014: min 4 miljoen euro), werd geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten.

22.5. HERWAARDERING VAN DE NETTOVERPLICHTING UIT HOOFDE VAN DE TOEGEZEGDPENSIOENREGELINGEN

De herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregelingen bevat zowel de impact van de eerste toepassing van de aanpassing aan IAS19 (2011) en alle erop volgende herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregelingen.

Herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregelingen hebben voornamelijk betrekking op actuariële winsten en verliezen en het rendement op fondsbeleggingen, exclusief de bedragen die vervat zitten in intrestopbrengsten op de toegezegdpensioenregelingen.

De evolutie over het jaar 2015 wordt weergegeven in de volgende tabel:

MILJOEN EURO 31 dec.
2014
Herwaardering van de
nettoverplichting van
toegezegdpensioen
regelingen
Winst
belastingen
31 dec.
2015
Note 23.1.3 Note 12.5
Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van
toegezegdpensioenregelingen
Met betrekking tot materiële landen (884) 62 (1) (823)
Met betrekking tot niet-materiële landen (21) 3 - (18)
TOTAAL (905) 65 (1) (841)

De evolutie van het jaar, na winstbelastingen bedraagt 64 miljoen euro. Uitgestelde belastingen met betrekking tot de herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregelingen worden eveneens geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten. Het effect van winstbelastingen wordt toegelicht in toelichting 12.4.

Agfa-Gevaert NV van 13 mei 2014. In 2015 werd er geen dividend uitbetaald naar aanleiding van de beslissing van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van Agfa-Gevaert NV van 12 mei 2015. Voor 2016 wordt er geen betaling van dividend voorgesteld door de Raad van Bestuur.

22.8 MINDERHEIDSBELANGEN

22.6 VALUTAKOERSVERSCHILLEN

De valutakoersverschillen bevatten zowel de valutakoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van de jaarrekeningen van buitenlandse activiteiten, als de valutakoersverschillen afkomstig uit de omrekening van de verplichting die de netto-investering van de Onderneming in een buitenlandse entiteit afdekt. De Groep maakt gebruik van termijnwisselverrichtingen uitgedrukt in US dollar om het valutarisico met betrekking tot de netto-investering in één van haar dochterondernemingen in de Verenigde Staten af te dekken (zie toelichting 7.1.3).

Per einde 2015 werd een bedrag van 20 miljoen euro geherclasseerd van Valutakoersverschillen in het eigen vermogen naar Overige financieringskosten in de winst- en verliesrekening naar aanleiding van de stopzetting van de bedrijfsactiviteiten in twee productie-eenheden in het buitenland, waarvoor een herstructureringskost van 8 miljoen euro geboekt werd in 2015.

22.7 DIVIDENDEN

In 2014 werd er geen dividend uitbetaald naar aanleiding van de beslissing van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van Minderheidsbelangen houden een materieel belang aan in zeven dochterondernemingen, gesitueerd in Groot-China en de ASEAN-regio (31 december 2015: 39 miljoen euro; 31 december 2014: 52 miljoen euro). In Europa zijn er twee dochterondernemingen waarin minderheidsbelangen een aandeel aanhouden dat van ondergeschikt belang is voor de Groep (31 december 2015: 1 miljoen euro; 31 december 2014: 1 miljoen euro).

Met ingang van 1 september 2010 bundelen Agfa Graphics NV en haar zakenpartner Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. hun activiteiten, gericht op het versterken van de marktpositie van beide partners in Groot-China en de ASEAN-regio. Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd houdt een participatie aan van 49% in Agfa Graphics Asia Ltd., de holding van de gecombineerde activiteiten van beide partijen.

De dochterondernemingen van Agfa Graphics Asia Ltd. zijn

  • Agfa (Wuxi) Printing Plate Co., Ltd
  • Agfa ASEAN Sdn. Bhd.
  • Agfa Imaging (Shenzhen) Co. Ltd.
  • Agfa Singapore Pte. Ltd.
  • Agfa Taiwan Co Ltd.
  • Shanghai Agfa Imaging Products Co., Ltd.

Op basis van de analyse van de 'Governance' structuren die momenteel van kracht zijn, heeft de Groep geoordeeld dat ze controle heeft in de desbetreffende dochterondernemingen. Het geaccumuleerde bedrag toewijsbaar aan de minderheidsbelangen van Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd.bedraagt 39 miljoen euro. Het deel van de winst van het jaar dat toebehoort aan de minderheidsbelangen van deze zakenpartner bedraagt 9 miljoen euro. Valutakoersverschillen toewijsbaar aan de minderheidsbelangen van deze zakenpartner bedragen 1 miljoen euro. In de loop van 2015 werd een dividend betaald aan Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co.

Ltd. (2015: 25 miljoen euro; 2014: 5 miljoen euro). In het geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen zijn dividenden gepresenteerd aan historische koers, zijnde 23 miljoen euro.

Het verschil van 2 miljoen euro werd getoond in de niet-gerealiseerde resultaten toewijsbaar aan minderheidsbelangen.

De volgende tabel geeft de financiële informatie weer voor de dochterondernemingen waarin de zakenpartner, Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd., een minderheidsbelang aanhoudt van 49%, opgesteld in overeenstemming met IFRS. De informatie is voor intercompany eliminaties met andere ondernemingen van de Agfa-Gevaert Groep.

MILJOEN EURO 2015 2014
Vlottende Activa 85 103
Vaste Activa 17 18
Kortlopende verplichtingen 22 15
Langlopende verplichtingen 1 1
Netto-activa Agfa Graphics Asia Ltd.
en haar dochterondernemingen (geconsolideerd)
79 105
Netto-activa toewijsbaar aan minderheidsbelangen in
Agfa Graphics Asia Ltd en haar dochterondernemingen
39 52
Opbrengsten 139 133
Winst over het boekjaar 18 18
Winst over het boekjaar toewijsbaar aan minderheidsbelangen
in Agfa Graphics Asia Ltd en haar dochterondernemingen
9 9
Niet-gerealiseerde resultaten: valutakoersverschillen 18 15
Niet-gerealiseerde resultaten toewijsbaar aan minderheids
belangen in Agfa Graphics Asia Ltd en haar dochterondernemingen
9 8
Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten
toewijsbaar aan minderheidsbelangen in Agfa Graphics Asia Ltd
en haar dochterondernemingen
18 17
Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten 28 33
Kasstromen uit investeringsactiviteiten - -
Kasstromen uit financieringsactiviteiten (50) (9)
Dividenden betaald aan minderheidsbelangen in het boekjaar (1) (25) (5)

(1) Inbegrepen in kasstromen uit financieringsactviteiten.

22.9 NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN NA WINSTBELASTINGEN

2015

Toewijsbaar aan aandeelhouders van de Onderneming
MILJOEN EURO
Valutakoersverschillen voor buitenlandse activiteiten - - - - - - 1 1
Nettowinst (verlies) op de afdekking van de netto-investering
in een buitenlandse activiteit, na winstbelastingen
(11) - - - - (11) - (11)
Valutakoersverschillen geherclasseerd naar
de winst- en verliesrekening ten gevolge van de
stopzetting van een buitenlandse activiteit
20 - - - - 20 - 20
Effectief gedeelte van reële waardeveranderingen van derivaten
aangeduid als kasstroomafdekkingen, na winstbelastingen
- (27) - - - (27) - (27)
Nettoverandering in de reële waarde van
kasstroomafdekkingen die is overgeboekt naar
de winst- en verliesrekening, na winstbelastingen
- 6 - - - 6 - 6
Nettoverandering in de reële waarde van
kasstroomafdekkingen die is overgeboekt naar de initiële
boekwaarde van het afgedekte actief, na winstbelastingen
- 18 - - - 18 - 18
Reële waardeveranderingen van financiële
activa beschikbaar voor verkoop
- - 3 - - 3 - 3
Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van
toegezegdpensioenregelingen, na winstbelastingen
- - - 64 - 64 - 64
NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN NA WINSTBELASTINGEN 9 (3) 3 64 - 73 1 74

2014

MILJOEN EURO Valutakoersverschillen Afdekkingsreserve Reële waarde reserve Herwaardering van de
hoofde van toegezegd-
nettoverplichting uit
pensioenregelingen
Ingehouden winsten TOTAAL Minderheidsbelangen GEREALISEERDE
TOTAAL NIET-
RESULTATEN
Valutakoersverschillen voor buitenlandse activiteiten - - - - - - 1 1
Nettowinst (verlies) op de afdekking van de netto-investering
in een buitenlandse activiteit, na winstbelastingen
(11) - - - - (11) - (11)
Valutakoersverschillen geherclasseerd naar
de winst- en verliesrekening ten gevolge van de
stopzetting van een buitenlandse activiteit
20 - - - - 20 - 20
Effectief gedeelte van reële waardeveranderingen van derivaten
aangeduid als kasstroomafdekkingen, na winstbelastingen
- (27) - - - (27) - (27)
Nettoverandering in de reële waarde van
kasstroomafdekkingen die is overgeboekt naar
de winst- en verliesrekening, na winstbelastingen
- 6 - - - 6 - 6
Nettoverandering in de reële waarde van
kasstroomafdekkingen die is overgeboekt naar de initiële
boekwaarde van het afgedekte actief, na winstbelastingen
- 18 - - - 18 - 18
Reële waardeveranderingen van financiële
activa beschikbaar voor verkoop
- - 3 - - 3 - 3
Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van
toegezegdpensioenregelingen, na winstbelastingen
- - - 64
-
64 - 64
NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN NA WINSTBELASTINGEN 9 (3) 3 64 - 73 1 74
2014 Toewijsbaar aan aandeelhouders van de Onderneming
Valutakoersverschillen
MILJOEN EURO Afdekkingsreserve Reële waarde reserve Herwaardering van de
hoofde van toegezegd-
nettoverplichting uit
pensioenregelingen
Ingehouden winsten TOTAAL Minderheidsbelangen GEREALISEERDE
TOTAAL NIET-
RESULTATEN
Valutakoersverschillen voor buitenlandse activiteiten
Nettowinst (verlies) op de afdekking van de netto-investering
in een buitenlandse activiteit, na winstbelastingen
24
(12)
-
-
-
-
-
-
-
-
24
(12)
6
-
30
(12)
Effectief gedeelte van reële waardeveranderingen van derivaten
aangeduid als kasstroomafdekkingen, na winstbelastingen
- (14) - - - (14) - (14)
Nettoverandering in de reële waarde van
kasstroomafdekkingen die is overgeboekt naar
de winst- en verliesrekening, na winstbelastingen
- 5 - - - 5 - 5
Nettoverandering in de reële waarde van
kasstroomafdekkingen die is overgeboekt naar de initiële
boekwaarde van het afgedekte actief, na winstbelastingen
- 8 - - - 8 - 8
Reële waardeveranderingen van financiële activa beschikbaar
voor verkoop
- - - - - - - -
Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van
toegezegdpensioenregelingen
- - - (293) (293) - (293)

23. PERSONEELSBELONINGEN

MILJOEN EURO 31 december 2015 31 december 2014
Langlopende verplichtingen 1.194 1.279
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding
en langetermijnontslagvergoedingen
1.185 1.267
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding 1.135 1.201
Langetermijnontslagvergoedingen 50 66
Overige personeelsbeloningen 9 12
Kortlopende verplichtingen 130 129
Te betalen sociale lasten 28 28
Verplichtingen met betrekking tot personeelsbezoldigingen 9 8
Overige verplichtingen aan het personeel 93 93

23.1 VERPLICHTINGEN WEGENS VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING EN LANGETERMIJNONTSLAGVERGOEDINGEN

In de meeste landen waarin de Groep actief is, voorzien de ondernemingen van de Agfa-Gevaert Groep in vergoedingen na uitdiensttreding. Vergoedingen na uitdiensttreding worden toegekend onder de vorm van toegezegdebijdrageregelingen hetzij toegezegdpensioenregelingen.

Op 31 december 2015 bedroeg de totale nettoverplichting met betrekking tot vergoedingen na uitdiensttreding en langetermijnontslagvergoedingen van de Groep 1.185 miljoen euro (1.267 miljoen euro op 31 december 2014), opgebouwd als volgt:

MILJOEN EURO 31 december 2015 31 december 2014
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding 1.135 1.201
Nettoverplichting in materiële landen 1.094 1.155
Nettoverplichting in niet-materiële landen 41 46
Langetermijnontslagvergoedingen 50 66
TOTALE NETTOVERPLICHTING 1.185 1.267

De materiële landen van de Groep zijn: België, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten van Amerika. Of een land van materieel belang is, wordt bepaald op basis van het bedrag van de pensioenkost van de periode. De materiële landen vertegenwoordigen meer dan 95% van de totale pensioenkost van de periode van de Groep.

23.1.1 Toegezegdebijdrageregelingen

In het geval van toegezegdebijdrageregelingen betalen de ondernemingen van de Agfa-Gevaert Groep bijdragen aan openbaar of privaat beheerde pensioen- of verzekeringsfondsen. Eenmaal de bijdrage wordt betaald, hebben de ondernemingen van de Groep geen verdere verplichtingen meer, met uitzondering van de mogelijke tekorten ten opzichte van de minimum rendementsgaranties op de Belgische pensioenplannen zoals hierna besproken. De periodieke bijdragen vormen een kost van

het jaar waarin ze verschuldigd zijn. In 2015 bedroeg deze kost voor de toegezegdebijdrageregelingen in Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten van Amerika 6 miljoen euro (5 miljoen euro in 2014).

23.1.2 Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement

Belgische toegezegdebijdrageregelingen vallen onder toepassingsgebied van de Wet van 28 april 2003 op de aanvullende pensioenen, kort WAP genoemd. Volgens artikel 24 van deze wet is de werkgever verplicht een minimum rendement van 3,75% op de persoonlijke bijdragen van de werknemer en 3,25% op de bijdragen van de werkgever te garanderen. Artikel 24 van de WAP verplicht de werkgever om op datum van de beëindiging van het plan de bijdragen gekapitaliseerd aan voornoemde vooropgestelde rendementen te garanderen. Vanaf de bijdragen voor 2016 worden voornoemde percentages vervangen door één enkel percentage dat zal evolueren naargelang van de rendementen op de markten, met

evenwel een minimum van 1,75% en een maximum van 3,75%. Het percentage voor 2016 bedraagt 1,75%.

In de Groep worden alle Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement gefinancierd via verzekeringsmaatschappijen. De laatste jaren hebben de verzekeraars hun technische rentevoeten laten dalen. Onder technische rentevoet wordt het rendement, exclusief winstdeelname, dat een verzekeraar bereid is toe te zeggen bedoeld. Deze is over het algemeen lager dan de verplichte minimum rendementsgarantie zoals opgelegd in de wet. Vaak bereiken de verzekeringsmaatschappijen de wettelijke rendementsgarantie wanneer rekening wordt gehouden met de winstdeelnamereserve. Aangezien de werkgever verplicht wordt een minimum rendement te garanderen worden niet alle actuariële en investeringsrisico's overgedragen naar de verzekeringsmaatschappijen die deze plannen beheren. Bijgevolg voldoen deze plannen niet aan de definitie van toegezegdebijdrageregeling zoals opgenomen in IFRS en worden ze als toegezegdpensioenregeling gerangschikt. IAS 19 Personeelsbeloningen behandelt echter niet de boekhoudkund ige verwerking van pensioenplannen die voorzien in voordelen aan het personeel op basis van gewaarborgd rendement op de betaalde bijdragen.

Aangezien IFRS de boekhoudkundige behandeling van dit type van plannen niet behandelt, past het management voor de waardering van haar verplichting een methode op basis van intrinsieke waarde toe. Volgens deze methode wordt de verplichting per aangeslotene bepaald als het verschil tussen de wiskundige reserves, zijnde de reserves berekend door alle betaalde bijdragen te kapitaliseren aan de rentevoet zoals gegarandeerd door de verzekeraar, rekening houdend met de winstdeelnamereserve, en de minimumreserve berekend conform artikel 24 van de WAP. Deze beoordeling houdt eveneens rekening met aan betreffende plannen toewijsbare saldi van financieringsfondsen. Per 31 december 2015 omvat de beoordeling van het management van de intrinsieke waarde van de nettoverplichting een inschatting van de impact van de winstdeelname over 2015 daar de verzekeringsmaatschappijen de werkelijke winstdeelname pas op een later tijdstip kenbaar maken. Voornoemde beoordeling heeft geen tekort aan het licht gebracht en bijgevolg werd

er op 31 december 2014 en 2015 geen verplichting opgenomen. Bij de bepaling van de verplichting wordt uitsluitend rekening gehouden met de minimum rendementsgarantie tot aan de rapporteringsdatum. Daar de minimumgarantie ook voor de toekomst geldt, kan deze de toekomstige kasuitgaven beïnvloeden.

In 2015, betaalde de werkgever voor 12 miljoen euro aan bijdragen voor Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement (2014: 12 miljoen euro). Ze worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Voor 2016 verwacht de Groep een gelijkaardig bedrag bij te dragen.

De Onderneming heeft toegezegdebijdrageregelingen extern verzekerd via verschillende verzekeringsmaatschappijen:

  • • Top Performance plan: dit plan voorziet in uitgestelde compensatie voor bonussen toegekend aan werknemers van Agfa-Gevaert NV, Agfa Graphics NV, Agfa HealthCare NV en Agfa Finance NV
  • • Pensioenplan voor werknemers van Agfa HealthCare NV (een bepaalde groep van werknemers)
  • • Pensioenplan voor kaderleden Agfa-Gevaert NV (een bepaalde groep van kaderleden)
  • • Groepsverzekering voor kaderleden: deelnemende werkgevers zijn Agfa-Gevaert NV, Agfa HealthCare NV, Agfa Graphics NV en Agfa Finance NV; en
  • • Groepsverzekering voor werknemers van Agfa HealthCare NV, voorheen beheerd via het pensioenfonds 'A2P', die in de loop van 2014 bij AG Insurance werd ondergebracht.

Alle voornoemde plannen worden met werkgeversbijdragen gefinancierd met uitzondering van de groepsverzekering voor kaderleden die zowel met werkgevers- als werknemersbijdragen wordt gefinancierd.

De technische rentevoet die verzekeringsmaatschappijen in 2015 hebben toegepast bedraagt tussen 1,00% en 4,75% (1,75% tot 4,75% in 2014). Bepalende factoren in deze context zijn de datum waarop een werknemer toetreedt tot een plan en of de verzekeraar een gegarandeerde interestvoet op toekomstige premies aanbiedt. De Onderneming schat de wiskundige reserves per 31 december 2015 minstens even hoog als de verplichte minimumreserve per aangeslotene, weliswaar rekening houdend met winstdeelnamereserve en de aan betreffende plannen toewijsbare saldi van financieringsfondsen.

Voor elk voornoemd plan geeft onderstaand overzicht informatie over de bedragen van de wiskundige reserves, de minimumreserve berekend conform artikel 24 van de WAP en – voor zover van toepassing – het financieringstekort op de individuele rekeningen dat niet afgedekt is door de aan betreffende plannen toewijsbare

saldi van financieringsfondsen. Het overzicht omvat tevens informatie over het type rendementsgarantie, de evolutie van de gegarandeerde interestvoeten gedurende 2015 en voorgaande jaren evenals de door de verzekeraar voorgestelde rendementsgarantie voor 2016.

MILJOEN EURO Minimum gegarandeerde interestvoet
Benaming van
het plan
Som van de
wiskundige
reserves
Wettelijke
minimum
reserve
Financieringstekort
op de individuele
rekeningen, niet
afgedekt door een
financieringsfonds
Type
rendments
garantie
2013 2014 2015 2016
Top Performance
Plan
61 59 - Gegarandeerde
interestvoet op
reserves
3,25%, excl.
winstdeel
name
2%, excl.
winstdeel
name
1,5% excl.
winstdeel
name
1%, excl.
winstdeel
name
Pensioenplan voor
werknemers Agfa
HealthCare N.V.
2 2 - Gegarandeerde
interestvoet
op reserves en
toekomstige
premies
3,25%, incl. winstdeelname voor premies betaald tot
31/12/2012; 1,75% voor nieuw aangeslotenen vanaf januari
2013 en verschuldigde premies tussen 31/12/2012 en
30/06/2015; 1,5% voor nieuw aangeslotenen en premies
verschuldigd vanaf juli 2015
Pensioenplan voor
kaderleden van
Agfa-Gevaert NV
1 1 - Gegarandeerde
interestvoet op
reserves
2,25%, excl.
winstdeel
name
2,25%, excl.
winstdeel
name
2,25%, excl.
winstdeel
name tot
1/07/2015;
1,5% vanaf
juli 2015
Groepsverzekering
voor kaderleden
91 91 - Gegarandeerde
interestvoet
op reserves en
toekomstige
premies
3,25%, excl.winstdeelname, op werkgevers en werk
nemersbijdragen betaald tot 31/12/2012; 1,75% voor nieuw
aangeslotenen vanaf januari 2013 en premies verschuldigd
tussen 31/12/2012 en 31/03/2015; 1,00% voor nieuw
aangeslotenen en premies verschuldigd vanaf april 2015
Groepsverzekering
voor werknemers
van
Agfa HealthCare NV
21 21 - Gegarandeerde
interestvoet op
reserves
N/A 2,25%, excl.
winstdeel
name
1,5%, excl.
winstdeel
name
1,5%, excl.
winstdeel
name
TOTAAL 176 174 -

23.1.3 Toegezegdpensioenregelingen

De toegezegdpensioenregelingen van de Groep omvatten pensioenregelingen en andere langediensttijdpersoneelsbeloningen. Andere langediensttijdpersoneelsbeloningen hebben voornamelijk betrekking op Duitse werknemers.

Het 'Group Pension Committee', gecreëerd als een subcomité van het 'Executive Committee ('Exco')' van de Groep assisteert het Exco in het toezicht en de supervisie van de verschillende binnen de Groep bestaande pensioenplannen en andere overeenkomsten die voorzien in vergoedingen na uitdiensttreding. Het comité adviseert het Exco over aangelegenheden in verband met het ontwerpen van personeelsbeloningsplannen zoals het aanpassen of beëindigen – geheel of gedeeltelijk – van de personeelsbeloningsplannen en de financiering ervan. Naast het adviseren van het Exco, is het 'Group Pension Committee'

eveneens verantwoordelijk voor het toezicht op het plaatselijke bestuur, zijnde het lokale bestuur van het pensioenfonds en het bestuur van de verantwoordelijke werkgevers die bijdragen in dit fonds. Zij houdt toezicht op het vervullen van hun verantwoordelijkheden in pensioengerelateerde aangelegenheden.

Het 'Group Pension Committee' heeft voor de belangrijkste plannen die via een afzonderlijk pensioenfonds worden gefinancierd een strategische allocatie van de fondsbeleggingen vastgelegd. Het Comité herbekijkt op regelmatige basis de gewenste onderverdeling van fondsbeleggingen om zich zo te verzekeren dat ze aangepast blijven aan de verschillende profielen van verplichtingen van pensioenfondsen. In dit verband vermelden we de looptijd (duration) van de contante waarde van de brutoverplichting (DBO) van de belangrijkste plannen van de Groep: zij varieert tussen 12 en 20 jaar (tussen 11 en 20 jaar in 2014).

Voor het beheer van de beleggingsfondsen, wordt het 'Group Pension Committee' bijgestaan door het 'Group Pension Investment Committee'. Het 'Group Pension Investment Committee' heeft een 'Group Investment Guideline' uitgevaardigd welke door het 'Group Pension Committee' werd goedgekeurd. Het 'Group Pension Committee' houdt toezicht op de juiste toepassing van deze richtlijn.

De Groep onderzoekt via haar 'Group Pension Committee' oplossingen om de omvang van de verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding te verminderen alsook de eraan verbonden risico's. Het beleggingsrisico en het risico op het langer leven van de aangeslotenen ('longevity risk') zijn twee risico's die specifiek worden onderzocht. De laatste jaren heeft het 'Group Pension Committee' verschillende maatregelen voorgesteld en gerealiseerd zoals de aanpassing van het medisch plan na pensionering in de Verenigde Staten van Amerika (2013), het aanbod tot éénmalige afwikkeling van pensioenverplichtingen aan niet-actieve leden met opgebouwde uitgestelde rechten in het pensioenplan van de Verenigde Staten van Amerika (2013) en het project tot éénmalige uitkering van pensioenverplichtingen in het Fabriekspensioenplan in België (2014).

De belangrijkste toegezegdpensioenregelingen van de Groep gelden meestal voor alle werknemers en zijn gebaseerd op het salaris van de werknemer en het aantal jaren dienst. De karakteristieken en de risico's van de pensioenregelingen worden hierna in detail besproken.

België

In België heeft meer dan 95% van de verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding betrekking op het basisplan, genaamd 'Fabriekspensioen'. Dit plan is gefinancierd via bijdragen betaald aan een afzonderlijk pensioenfonds opgericht onder de rechtsvorm OFP (Organisme voor de Financiering van Pensioenen). Dit fonds heeft als taak om de pensioenrechten die de werkgevers, die participeren in het fonds, toezeggen aan de begunstigden van het plan, uit te keren. De werkgevers die deelnemen aan het fonds zijn Agfa-Gevaert NV, Agfa Graphics NV, Agfa HealthCare NV en Agfa Finance NV.

De meerderheid van de werknemers van voornoemde werkgevers kunnen aanspraak maken op de voordelen van het 'Fabriekspensioen'-plan. Nieuwe deelnemers van Agfa Europe NV, waarvan de bedrijfsactiviteit werd overgedragen aan de rechtsopvolger Agfa HealthCare NV of aan Agfa Graphics NV, bouwen vanaf januari 2000 hun rechten onder een toegezegdebijdrageregeling op. Hetzelfde toegezegdebijdrageplan is van toepassing op de nieuwe deelnemers van Agfa HealthCare NV.

De deelnemers van het 'Fabriekspensioen' bouwen rechten op gebaseerd op een formule op basis van een laatste jaarlijks inkomen. Daar dit gefinancierd plan nog steeds nieuwe deelnemers toelaat en werknemers nog nieuwe pensioenrechten opbouwen, stelt het plan de Onderneming bloot aan het risico op salarisverhoging naast andere risico's zoals het interestrisico, het beleggingsrisico en het 'longevity'-risico. Meer dan 95% van de deelnemers kiest voor een éénmalige uitkering bij pensionering, echter het plan is ontworpen als een renteplan. Het wettelijke en regulerend kader voor het 'Fabriekspensioen' is gebaseerd op de toepasbare Belgische wet, zijnde de wet van 27 oktober 2006 betreffende het toezicht op de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening en de Wet op de Aanvullende Pensioenen, kort WAP genoemd, van toepassing vanaf 1 januari 2004. Op basis van deze wetgeving wordt jaarlijks in het kader van de financiering een waardering gemaakt. De waarderingsmethode gebruikt om de bijdragen aan het Belgische OFP te bepalen is de 'geaggregeerde kostmethode'. Met het oog op de financiering van de verplichting over de volledige diensttijd wordt de bijdrage berekend als een jaarlijks vast percentage van de loonkost. Per 31 december 2015 is het financieringsniveau van het 'Fabriekspensioen' toereikend en bijgevolg is geen herstelplan noodzakelijk.

De Raad van Bestuur van het 'Pensioenfonds Agfa-Gevaert OFP' draagt de ultieme verantwoordelijkheid voor het beheer van de fondsbeleggingen en de verplichtingen van het 'Fabriekspensioen'-plan. Ze hebben het toezicht over de fondsbeleggingen gedelegeerd aan het 'Local Investment Committee' dat opereert binnen het kader vastgelegd door het 'Group Pension Committee'. De 'Statement of Investment Principles (SIP)' dat het 'Local Investment Committee' heeft gemaakt in overeenstemming met de 'Group Investment'-richtlijnen, werd officieel goedgekeurd tijdens de Buitengewone Algemene Vergadering van het 'Pensioenfonds Agfa-Gevaert OFP' op 7 februari 2014.

Afwijkingen moeten voorafgaandelijk door het 'Group Pension Committee' worden goedgekeurd. Het 'Local Investment Committee' dient te verzekeren dat de activa van het fonds goed en voorzichtig worden belegd, conform toepasbare wetten en in het belang van de deelnemers en begunstigden van het plan.

In de tweede jaarhelft van 2014 heeft een project betreffende éénmalige afwikkeling van pensioenverplichtingen plaatsgevonden. In dit project kregen de gepensioneerden éénmalig de mogelijkheid om hun jaarlijkse pensioenrente om te zetten in een éénmalige uitkering. Dit heeft in 2015 geleid tot 15 miljoen euro uitkeringen van de fondsbeleggingen.

Duitsland

In Duitsland zijn er geen wettelijke of gereglementeerde minimale financieringseisen en bijgevolg zijn alle Duitse toegezegdpensioenregelingen binnen de Groep ongefinancierd.

De pensioenplannen in Duitsland omvatten een basisplan dat verbonden is met het pensioengerechtigd salaris geplafonneerd tot het maximum in aanmerking te nemen salaris voor sociale zekerheid en een aanvullend plan dat de vergoedingen dekt verbonden aan het pensioengerechtigd salaris dat dit plafond overtreft. In Duitsland maken we een onderscheid tussen het 'oude pensioenplan', zijnde het plan dat vanaf 2005 gesloten is voor nieuwe deelnemers en waarin vanaf 2010 deelnemers ook geen pensioenrechten meer kunnen opbouwen en het 'nieuwe pensioenplan' – dat van toepassing is voor nieuwe deelnemers vanaf 2005. De populatie die in 2010 genoot van de voordelen van het 'oude pensioenplan' waarin met ingang van 31 december 2009 geen pensioenrechten meer kunnen worden opgebouwd, bouwen tevens in het 'nieuwe pensioenplan' pensioenrechten op, maar genieten in vergelijking met de vanaf 2005 nieuw aangeslotenen, bijkomende voordelen. Beide plannen omvatten een basispensioenplan en een aanvullend plan. Bijkomend is Agfa gehouden tot het verstrekken van een pensioenplan conform de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomsten in de chemische sector.

Onder het 'oude pensioenplan', wordt het basisplan via de Bayer Pensionskasse (Penka) beheerd. De Bayer Pensionskasse is een collectieve regeling van meerdere werkgevers die boekhoudkundig wordt verwerkt alsof het een toegezegdebijdrageregeling betreft (IAS 19.34 (a)). Het plan is een toegezegdpensioenregeling welke ressorteert onder het beheer van de vroegere moederonderneming van Bayer AG. Het is boekhoudkundig verwerkt alsof het een toegezegdebijdrageregeling betreft daar we niet over de nodige informatie kunnen beschikken om het als een toegezegdpensioenregeling te verwerken. In geval van een tekort zou dit plan de Groep kunnen blootstellen aan een beleggingsen actuarieel risico. Echter de Groep is van oordeel dat deze risico's onbeduidend zijn. Vanaf 2004 heeft Agfa de verantwoordelijkheid om de renteuitkeringen aan te passen conform Sec.16, 1 en 2 van de 'German Pension Act (BetrAVG – Betriebsrentengesetz)'.

Het basispensioen – in de vorm van rente – evenals de vereiste aanpassing van de pensioenrente tot en met 2003 wordt, conform voornoemde wettelijke bepalingen, rechtstreeks door de Penka uitgekeerd. Bijgevolg omvat de verplichting van Agfa met betrekking tot het basisplan, zoals opgenomen in de geconsolideerde balansen van de Groep, uitsluitend de verplichting van Agfa tot aanpassing van de pensioenrenteuitkeringen. De rechten opgebouwd onder het aanvullend plan, dat boekhoudkundig als een toegezegdpensioenregeling wordt verwerkt, zijn gebaseerd op 'bijdragen' (1) berekend als een vast percentage van het aandeel van het pensioengerechtigd salaris boven het geplafonneerd maximum in aanmerking te nemen salaris voor sociale zekerheid.

Vervolgens wordt voor de omrekening van deze 'bijdragen'(1) naar individuele pensioenrechten gebruik gemaakt van een factor onafhankelijk van de leeftijd van deelnemers aan het plan.

Na 31 december 2009 konden geen pensioenrechten meer worden opgebouwd onder het 'oude pensioenplan'.

Het oude pensioenplan is uitsluitend van toepassing op nieuwe deelnemers vóór 2005. Zij zijn per einde 2009 gestopt met het opbouwen van pensioenrechten. Vanaf 2010 nemen de werknemers deel in het nieuwe pensioenplan (Rheinische Pensionskasse).

Het 'nieuwe pensioenplan' omvat tevens een basispensioenplan, zijnde een plan dat verbonden is met het pensioengerechtigd salaris geplafonneerd tot het maximum in aanmerking te nemen salaris voor sociale zekerheid, en een aanvullend plan waarbij rechten worden opgebouwd op het pensioengerechtigd salaris dat dit plafond overtreft. Het basisplan wordt gefinancierd via bijdragen betaald aan de Rheinische Pensionskasse.

Werknemers dragen gedeeltelijk (50%) bij aan de Rheinische Pensionskasse via uitgestelde compensatie. Eenmaal de bijdrage wordt betaald aan de Rheinische Pensionskasse, hebben de ondernemingen van de Groep in principe geen verdere verplichtingen meer. Bijgevolg wordt dit plan boekhoudkundig verwerkt als een toegezegdebijdrageregeling. Het nieuwe aanvullend plan, dat in de balans wordt opgenomen als een directe verplichting vanwege de werkgever, voorziet in tegenstelling tot het vroegere plan, geen plafond voor het pensioengerechtigd salaris. De rechten opgebouwd onder het aanvullend plan zijn gebaseerd op 'bijdragen' (1) berekend als een vast percentage van het aandeel van het pensioengerechtigd salaris boven het geplafonneerd maximum

in aanmerking te nemen salaris voor sociale zekerheid. In tegenstelling tot het oude plan worden vervolgens de bijdragen omgerekend naar individuele pensioenrechten gebruik makend van leeftijdsgebonden factoren en rekening houdend met vooraf bepaalde vaste toenamen van deze rechten.

Vanaf 2012, voorziet het plan in een optie tot uitkering van een vaste som in plaats van maandelijkse rente-uitkeringen.

Werknemers die voorheen participeerden in het 'oude pensioenplan' waarin vanaf 31 december 2009 geen rechten meer kunnen worden opgebouwd, bouwen rechten op in het aanvullend plan waarbij de omvang van de werkgeversbijdrage gekoppeld wordt aan de werknemersbijdrage. De werkgever draagt evenveel als de werknemer bij. De structuur zelf is gelijkaardig aan het nieuwe aanvullend plan zoals hierboven beschreven.

Het pensioenplan conform de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst in de chemische sector is gebaseerd op 'bijdragen' (1) die aan de hand van leeftijdsgebonden factoren worden omgezet naar individuele pensioenrechten. De werknemers dragen bij in dit plan via uitgestelde compensatie.

In Duitsland verstrekt Agfa in mindere mate beloningen die voortvloeien uit plannen afkomstig van vroegere acquisities. In deze plannen worden er geen rechten meer opgebouwd.

De verplichting in Duitsland wegens toegezegdpensioenregelingen omvat tevens pensioenplannen die volledig zijn gebaseerd op uitgestelde compensatiemodellen.

De rechten, opgebouwd onder deze plannen, worden berekend op het bedrag per begunstigde dat jaarlijks wordt uitgesteld, vertaald naar pensioenrechten waarbij in sommige situaties rekening wordt gehouden met vooraf bepaalde jaarlijkse toenamen van deze rechten.

Voor een deel van het personeel, met name de 'HealthCare IT' werknemers, bestaan er pensioenplannen die door verschillende externe fondsen (Pensionskassen) worden beheerd. Deze plannen worden vooral gefinancierd via uitgestelde compensatiemodellen die boekhoudkundig als toegezegdebijdrageregelingen worden verwerkt.

Bijkomend wordt aan het management van Agfa HealthCare IT in Duitsland een plan gebaseerd op pensioengerechtigd

salaris verstrekt. Het betreft een congruent gefinancierd collectieve pensioenregeling (kongruent rückgedeckte Unterstützungskasse). De bijdragen, volledig door Agfa betaald, bedragen 5% van het pensioengerechtigd salaris.

Zowel de plannen waarin geen nieuwe rechten worden opgebouwd als deze waarin werknemers nog wel pensioenrechten opbouwen, stellen de Onderneming bloot aan actuariële risico's zoals het interestrisico, het risico op indexatie van pensioenuitkeringen en het 'longevity'-risico.

Verenigd Koninkrijk

In het Verenigd Koninkrijk worden er vanaf 30 juni 2002 geen nieuwe deelnemers in de toegezegdpensioenregeling, genaamd 'Agfa UK pension plan', meer toegelaten. Vanaf 1 januari 2010 kunnen deelnemers ook geen rechten meer opbouwen via dit plan. Vanaf 2010 hebben leden de mogelijkheid om rechten op te bouwen via een toegezegdebijdrageregeling.

Het gesloten 'Agfa UK pension plan' wordt gefinancierd via bijdragen betaald door de deelnemende werkgevers. Per jaareinde 2015 zijn dit Agfa-Gevaert NV, Agfa HealthCare UK Ltd. en Agfa Graphics Ltd. De leden van het plan komen in aanmerking voor een vergoeding, bepaald via een formule op basis van een gemiddeld eindsalaris. Vanaf de leeftijd van 55 kunnen rechten, opgebouwd in dit plan, gedeeltelijk via een vast bedrag worden uitbetaald waarbij het restant wordt betaald via maandelijkse uitkeringen. Wanneer de personeelsbeloning voor de normale pensioenleeftijd van 65 wordt opgenomen is er een actuariële aanpassing van de waarde van de personeelsbeloning.

Leden die uitgestelde rechten hebben opgebouwd, maken aanspraak op een verhoging van hun rechten tot op het ogenblik van pensionering ten belope van de inflatie, berekend op basis van de CPI (index der consumptieprijzen). Pensioenuitkeringen nemen toe in lijn met de RPI (index van de kleinhandelsprijzen) met een minimum toename van 3% en een maximum toename van 5%. Naast een inflatierisico is de Onderneming onderhevig aan actuariële risico's zoals: beleggingsrisico, interestrisico en het 'longevity'-risico.

De toegezegdpensioenregeling wordt beheerd via een trust waarbij de beslissingsbevoegdheid genomen wordt door de Raad van Bestuur van de trust. Zij hebben de plicht om uitsluitend te handelen in de beste belangen van de begunstigden conform de regels van de trust en de wetgeving in het Verenigd Koninkrijk. De financieringsvereisten worden bepaald op basis van een actuariële waardering die elke drie jaar wordt uitgevoerd

conform de wettelijke bepalingen en veronderstellingen die in dit verband worden voorgeschreven. Bovendien wordt over de veronderstellingen een akkoord gesloten tussen de Onderneming en de Trustees. Volgens de meest recente waardering in het kader van de financieringsvereisten, welke in 2013 heeft plaats gevonden, heeft Agfa met de trustees een overeenkomst bereikt om een vaste jaarlijkse bijdrage te betalen voor de volgende 13 jaar, beginnend vanaf 2014.

Verenigde Staten

In de Verenigde Staten neemt Agfa Corporation de verantwoordelijkheid op zich voor één belangrijk toegezegdpensioenregeling, het Agfa Corporation Pension Plan. Er worden geen nieuwe deelnemers meer toegelaten tot dit plan en de werknemers bouwen geen pensioenrechten meer op. Agfa HealthCare Corporation, Agfa Materials Corporation en Agfa Finance Corporation zijn deelnemende werkgevers in voornoemd plan. De begunstigden van het plan maken aanspraak op een vergoeding bepaald via een formule op basis van een gemiddeld eindsalaris. Deze gesloten toegezegdpensioenregeling stelt de Onderneming bloot aan actuariële risico's zoals het beleggingsrisico, het interest risico en het 'longevity'-risico.

De activa van de toegezegdpensioenregeling worden beheerd via een trust. De Raad van Bestuur van Agfa Corporation, de entiteit die verantwoordelijk is voor het betalen van de bijdragen voor het plan, delegeert beleggingsbeslissingen evenals het toezicht op de beleggingen aan een lokaal beleggingscomité, het 'Benefits Plan Investment Committee (BPIC)'. De leden van

het BPIC zijn ertoe gehouden uitsluitend in de beste belangen van de begunstigden te handelen, in overeenstemming met de trustovereenkomst en de wetgeving in de Verenigde Staten van Amerika. Het wettelijke en regulerend kader voor de plannen is gebaseerd op de toepasbare wetgeving in de Verenigde Staten van Amerika, zijnde de 'US legislation Employee Retirement Income Security Act (ERISA)'. Op basis van deze wetgeving wordt, in het kader van de financieringsvereisten, jaarlijks een waardering opgemaakt. In dit plan zijn er geen persoonlijke bijdragen van de leden voorzien. De verantwoordelijke werkgever van het plan en de deelnemende werkgevers betalen bijdragen voor het plan in de mate dat dit noodzakelijk is - conform actuariële berekeningen - om de vergoedingen te kunnen uitkeren aan de leden van het plan. Minimale bijdragen zijn gebaseerd op de vereisten zoals bepaald door de 'Employee Retirement Income Security Act' van 1974 (ERISA) en de 'Pension Protection Act (PPA)' van 2006. Volgens de PPA zijn de actuarissen ertoe gehouden om elk jaar het financieringspercentage van het plan te certificeren. De laatste certificatie voor het plan heeft plaatsgevonden voor het jaar 2015 en maakt gebruik van de actuariële veronderstellingen zoals opgelegd door het IRS (Federale Belastingdienst van de Verenigde Staten). De actuaris bepaalde het financieringspercentage op 94,8% (2014: 81,3%).

In 2013 is de Groep erin geslaagd om de medische verzekering na pensionering voor haar werknemers in de VS vanaf 1 januari 2014 volledig terug te schroeven.

Wijziging in de nettoverplichting gedurende 2015 en vorig jaar

De wijziging in de nettoverplichting gedurende de jaren 2015 en 2014 wordt in onderstaande tabel weergegeven.

2015 2014
MILJOEN EURO Pensioen
regelingen
Andere lange
diensttijdpersoneels
beloningen
TOTAAL Pensioen
regelingen
Andere lange
diensttijdpersoneels
beloningen
TOTAAL
Nettoverplichting op 1 januari 1.149 6 1.155 875 8 883
Pensioenkosten weergegeven in de
winst-en verliesrekening
54 - 54 44 - 44
Totaal herwaarderingen opgenomen in
'Niet-gerealiseerde resultaten'
(62) - (62) 289 - 289
Nettotransferten 1 - 1 - - -
Uitgaande kasstromen
Werkgeversbijdragen (36) - (36) (40) - (40)
Uitkeringen rechtstreeks betaald
door de Onderneming
(43) (1) (44) (44) (2) (46)
Valutakoersverschillen 26 - 26 25 - 25
Nettoverplichting op 31 december 1.089 5 1.094 1.149 6 1.155

TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING

2015 2014
MILJOEN EURO Pensioenregelingen Pensioenregelingen
Aan de diensttijd toewijsbare pensioenkost
Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten,
exclusief werknemersbijdragen
25 19
Pensioenkosten van verstreken diensttijd - -
(Winsten) / verliezen uit belangrijke inperking /
beëindiging van de regelingen
- (7)
Totaal aan de diensttijd toewijsbare pensioenkost 25 12
Nettofinancieringskost
Interestkosten 65 75
Interestinkomen op fondsbeleggingen (37) (44)
Totale nettofinancieringskost 28 31
Herwaardering van andere lange diensttijd personeelsbeloningen - -
Administratieve kosten en belastingen 1 1
PENSIOENKOSTEN WEERGEGEVEN IN
DE WINST-EN VERLIESREKENING
54 44
Actuariële verliezen (winsten)
Aanpassingen aan de verplichtingen van de regelingen - verliezen
(winsten) - op grond van ervaring
(9) (8)
Demografische veronderstellingen (19) 20
Financiële veronderstellingen (56) 318
Totaal actuariële verliezen (winsten) (84) 330
Rendement op fondsbeleggingen excl. interestinkomen 22 (41)
TOTAAL HERWAARDERINGEN BEGREPEN
IN 'NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN'
(62) 289
TOTALE PENSIOENKOST VAN DE PERIODE (8) 333

Totale pensioenkost van de periode 2015 en 2014

De totale pensioenkost in 2015 van toegezegdpensioenregelingen voor de materiële landen van de Groep bedroeg een opbrengst van 8 miljoen euro (2014: 333 miljoen euro kost). Van dit bedrag wordt 54 miljoen euro kost weergegeven in de winst- en verliesrekening van de Groep over 2015 (2014: 44 miljoen euro kost). Het saldo, zijnde 62 miljoen euro positief effect voor 2015 (289 miljoen negatief effect voor 2014) wordt opgenomen in het overzicht van de niet-gerealiseerde resultaten onder 'Herwaardering van de nettoverplichting'. Deze herwaardering vloeit voort uit wijzigingen in demografische en financiële veronderstellingen en aanpassingen op grond van ervaring, welke hun oorsprong vinden in zowel de verplichtingen als de fondsbeleggingen van toegezegdpensioenregelingen.

Details worden hierna weergegeven.

In 2014 omvat de pensioenkost die voor de materiële landen van de Groep erkend wordt in de winst- en verliesrekening een winst van 7 miljoen euro als gevolg van een project rond éénmalige afwikkeling van pensioenverplichtingen betreffende het 'Agfa-Gevaert Fabriekspensioen Plan'.

Verwachte pensioenkosten en kasstromen voor 2016

De Groep verwacht dat de pensioenkost voor de materiële landen voor 2016 in totaal 53 miljoen euro zal bedragen, bestaande uit 23 miljoen euro aan het dienstjaar toegerekende pensioen-, administratiekosten, belastingen en 30 miljoen euro interestkost op de nettoverplichting.

Voor het boekjaar 2016 verwacht de Groep 74 miljoen euro bij te dragen voor haar materiële pensioenregelingen en andere langetermijnpersoneelsbeloningen. Dit is lager dan de uitgaande kasstroom voor 2015 die 80 miljoen euro bedroeg, zijnde werkgeversbijdragen ten belope van 36 miljoen euro en 44 miljoen euro uitkeringen die rechtstreeks door de Onderneming worden betaald. Deze evolutie is volledig toewijsbaar aan verminderde bijdragen in de VS.

Reconciliatie van de contante waarde van de brutoverplichtingen, de fondsbeleggingen en de financiering ervan

De contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen, de fondsbeleggingen en de financiering van de regelingen in de materiële landen worden hierna weergegeven.

Op 31 december 2015 bedroeg de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen voor de Groep 2.250 miljoen euro (2.286 miljoen euro op 31 december 2014), waarvan 1.525 miljoen euro

(1.502 miljoen euro op 31 december 2014) betrekking heeft op geheel of gedeeltelijk gefinancierde toegezegdpensioenregelingen en de overige 725 miljoen euro (784 miljoen euro op 31 december 2014) betrekking heeft op ongefinancierde toegezegdpensioenregelingen.

2015 2014
Pensioen Andere lange diensttijd Pensioen Andere lange diensttijd
MILJOEN EURO regelingen personeelsbeloningen TOTAAL regelingen personeelsbeloningen TOTAAL
Wijziging in de contante waarde van
de brutoverplichting
Contante waarde van de brutoverplichting
op 1 januari
2.280 6 2.286 1.881 8 1.889
Aan de diensttijd toewijsbare pensioenkost
Aan het dienstjaar toegerekende pensioen
kosten, exclusief werknemersbijdragen
25 - 25 19 - 19
Pensioenkosten van verstreken diensttijd - - - - - -
Belangrijke inperking/beëindiging van
de regelingen
- - - (7) - (7)
Interestkosten 65 - 65 75 - 75
Uitgaande kasstromen
Uitkeringen (130) (1) (131) (110) (2) (112)
Betaalde premies (2) - (2) - - -
Herwaarderingen
Effect van demografische veronderstellingen (19) - (19) 20 - 20
Effect van financiële veronderstellingen (56) - (56) 317 1 318
Effecten op grond van ervaring (9) - (9) (7) (1) (8)
Valutakoersverschillen 91 - 91 92 - 92
Contante waarde van de brutoverplichting
op 31 december
2.245 5 2.250 2.280 6 2.286
Wijziging in fondsbeleggingen
Reële waarde van fondsbeleggingen op 1 januari 1.131 - 1.131 1.006 - 1.006
Interestinkomen 37 - 37 44 - 44
Werkgeversbijdragen 79 1 80 84 2 86
Uitkeringen (130) (1) (131) (110) (2) (112)
Administratieve kosten en belastingen (1) - (1) (1) - (1)
Betaalde premies (2) - (2) - - -
Uitgaande transferten (1) - (1) - - -
Rendement op fondsbeleggingen
excl. interestinkomen
(22) - (22) 41 - 41
Valutakoersverschillen 65 - 65 67 - 67
Reële waarde van fondsbeleggingen
op 31 december
1.156 - 1.156 1.131 - 1.131
Financieringspositie op 31 december
Financieringspositie 1.089 5 1.094 1.149 6 1.155
Effect van vermogensplafond - - - - - -
Nettoverplichting op 31 december 1.089 5 1.094 1.149 6 1.155

Belangrijke actuariële veronderstellingen op

rapporteringsdatum

De verplichtingen en pensioenkost van de periode met betrekking tot toegezegdpensioenregelingen van de Groep worden bepaald door gebruik te maken van actuariële waarderingen die gebaseerd zijn op actuariële veronderstellingen.

Op het einde van de boekjaren 2015 en 2014, werden volgende belangrijke actuariële veronderstellingen (gewogen gemiddelden) gebruikt.

31 december 2015 31 december 2014
Disconteringsvoet 3,2% 2,8%
Toekomstige verhoging van lonen/salarissen 2,2% 2,1%

De hierboven weergegeven gemiddelden betreffende disconteringsvoet en de stijging van de lonen/salarissen worden bepaald op basis van de actuariële veronderstellingen welke toegepast worden in de verschillende toegezegdpensioenregelingen van de materiële landen van de Groep, gewogen op basis van de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van betreffende toegezegdpensioenregelingen.

De disconteringsvoeten worden bepaald op basis van het

marktrendement op balansdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid, die een krediet rating van tenminste AA van een belangrijk 'rating' agentschap toegewezen krijgen, met een resterende looptijd die consistent is met de geschatte looptijd van de verplichtingen.

Sensitiviteitsanalyse

Onderstaande tabel geeft de sensitiviteit weer van een verandering in bepaalde veronderstellingen op 31 december 2015 met betrekking tot de pensioenregelingen van de materiële landen van de Groep:

MILJOEN EURO Impact op de verwachte
pensioenlast van de periode
(vóór belastingen) voor 2016
Impact op de contante waarde
van de brutoverplichting op
31 december 2015
Daling in disconteringsvoet met 25 basispunten 1 78
Stijging in disconteringsvoet met 25 basispunten (1) (73)
Verbetering in de sterftetafel waarbij wordt verondersteld
dat werknemers één jaar langer leven
2 72

Historiek van de fondsbeleggingen, contante waarde van de brutoverplichting, overschot/tekort van de pensioenregelingen voor 2015 en de vier voorgaande jaren

MILJOEN EURO 31 dec. 2015 31 dec. 2014 31 dec. 2013 31 dec. 2012 31 dec. 2011
Reële waarde van fondsbeleggingen 1.156 1.131 1.006 1.023 936
Contante waarde van de brutoverplichting 2.250 2.286 1.889 2.192 2.027
Overschot (Tekort) van de regelingen (1.094) (1.155) (883) (1.169) (1.091)

Reële waarde van fondsbeleggingen onderverdeeld naar belangrijkste categorieën

MILJOEN EURO 31 december 2015 31 december 2014
Geldmiddelen, kasequivalenten en overige 13 23
Aandelen 493 474
Rentedragende instrumenten 650 634
TOTAAL 1.156 1.131

De reële waarde van fondsbeleggingen omvat per jaareinde 2015 en 2014 geen aandelen of rentedragende instrumenten van de Onderneming of haar dochterondernemingen.

23.1.4 Langetermijnontslagvergoedingen

Langetermijnontslagvergoedingen zijn het gevolg van de verplichting van de Onderneming om hetzij de tewerkstelling voor de normale pensioenleeftijd te beëindigen, hetzij om een ontslagvergoeding te betalen als gevolg van een aanbod ter aanmoediging van vrijwillige pensionering.

Op 31 december 2015 bedroeg de langetermijnontslagvergoeding 50 miljoen euro (66 miljoen euro op 31 december 2014) en betrof hoofdzakelijk afvloeiingspremies afgesproken met werknemers in het kader van vervroegde pensionering. Deze regelingen betreffen werknemers van de Belgische ondernemingen van de Groep.

Het saldo op 31 december 2015 wordt naar verwachting gradueel over de komende vijf jaren afgebouwd.

23.2 OVERIGE LANGETERMIJNPERSONEELSBELONINGEN

Verplichtingen opgenomen onder deze balansrubriek betreffen langetermijnveplichtingen aan het personeel in de ruimste zin die niet begrepen zijn in de verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding en langetermijnontslagvergoedingen.

Op 31 december 2015 bedroeg de totale verplichting uit overige langetermijnpersoneelsbeloningen 9 miljoen euro (12 miljoen euro op 31 december 2014). Dit bedrag omvat een saldo van 5 miljoen euro voor een plan inzake langdurige invaliditeit in de VS (7 miljoen euro op 31 december 2014). De evolutie wordt verklaard door een vermindering van het aantal rechthebbenden. De herwaardering van overige langetermijnpersoneelsbeloningen wordt opgenomen onder overige bedrijfsopbrengsten. Het resterend saldo van 4 miljoen euro heeft vooral betrekking

op lange diensttijdpersoneelsbeloningen en bonussen betaalbaar na 12 maanden.

23.3 KORTETERMIJNPERSONEELSBELONINGEN

Verplichtingen opgenomen onder deze balansrubriek betreffen verplichtingen aan het personeel, in de ruimste zin, in de mate dat ze op korte termijn betaalbaar zijn.

Op 31 december 2015 bedroegen de kortetermijnpersoneelsbeloningen 130 miljoen euro (129 miljoen euro op 31 december 2014). Zij worden voornamelijk erkend wegens jaarlijkse vakantie, jaarlijkse bonusbetalingen, éénmalige variabele vergoedingen en individuele prestatievergoedingen. Zij omvatten tevens te betalen ontslagvergoedingen en vergoedingen wegens ziekte. De te betalen sociale lasten en andere verplichtingen met betrekking tot personeelsbezoldigingen, tevens opgenomen in deze balansrubriek, bedroegen op 31 december 2015 37 miljoen euro (36 miljoen euro op 31 december 2014).

24. RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN

MILJOEN EURO 2015 2014
Langlopende rentedragende verplichtingen 137 125
'Revolving'-kredietfaciliteit 38 (1)
Bankschulden 58 85
Obligatieleningen 41 41
Kortlopende rentedragende verplichtingen 44 197
Bankschulden 44 50
Obligatieleningen - 147
Financiële lease-verplichtingen - -

24.1 'REVOLVING' KREDIETFACILITEIT

In de loop van 2015 hernieuwde de Onderneming de revolving kredietfaciliteit voor een periode tot juli 2020. Het notioneel bedrag van deze faciliteit bedraagt 400 miljoen euro. Geldopnames onder deze kredietlijn worden gedaan voor korte periodes maar de Groep heeft, onder de bestaande herfinancieringovereenkomst, de mogelijkheid om de leningen te verlengen voor langere periodes na balansdatum. Er werden geen waarborgen verstrekt voor de kredietopeningen. Op 31 december

2015 bedragen de opnames onder deze faciliteit 40 miljoen euro. Transactiekosten voor een bedrag van 2 miljoen euro werden geboekt in mindering van de initiële boekwaarde van de financiële verplichting en worden gespreid in winst- en verliesrekening geboekt volgens de effectieve intrestmethode. Op 31 december 2014 waren er geen opnames onder deze faciliteit. Transactiekosten ten belope van 1 miljoen euro werden geboekt in mindering van de initiële boekwaarde van de financiële verplichting.

De verdeling over de diverse looptijden is als volgt:

MILJOEN EURO Nominaal bedrag Opgenomen bedrag Rentevoet
Eindvervaldag 2015 2014 2015 2014 Munt 2015 2014
2016 - 445 - (1) EUR - -
2020 400 - 38 - EUR 1,1% -
TOTAAL 400 445 38 (1)

24.2 RENTEDRAGENDE LENINGEN

24.2.1 Langlopende rentedragende verplichtingen

De langlopende rentedragende verplichtingen hebben volgende eindvervaldagen:

MILJOEN EURO 2015 2014
Eindvervaldag Opgenomen bedrag Rentevoet Opgenomen bedrag Rentevoet
tussen 1 - 5 jaar : EIB lening 58 4,33% - 4,36% 84 4,33% - 4,36%
tussen 1 - 5 jaar : overige leningen - - 1 7%
> 5 jaar - - - -
TOTAAL 58 85

Langlopende rentedragende verplichtingen omvatten voornamelijk de leningsovereenkomst die de Groep in het vierde kwartaal van 2010 afsloot met de Europese Investeringsbank (EIB). De EIB stelt een bedrag van 130 miljoen euro ter beschikking voor de financiering van onderzoek-, ontwikkeling- en innovatieprojecten binnen het segment Agfa HealthCare Information Technology. De gefinancierde projecten betreffen onderzoek-, ontwikkelingen innovatieprojecten in de periode vanaf 2010 tot 2013. Het bedrag van de toegestane lening zal niet hoger zijn dan 50% van de totale kostprijs van de projecten. Een eerste schijf van 70 miljoen euro werd beschikbaar gesteld in 2011 met eindvervaldag tot augustus 2018. Een tweede schijf van 60 miljoen euro werd beschikbaar gesteld en opgenomen in 2012, met eindvervaldag tot februari 2019. Het langlopende deel van de EIB lening bedraagt 58 miljoen euro.

In de loop van 2014 werd een lening afgesloten met Export Development Canada (EDC) voor een nominaal bedrag van 50 miljoen euro. EDC stelt een bedrag van 50 miljoen euro ter beschikking voor de financiering van onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten in de dochteronderneming Agfa HealthCare Inc. (Canada). De lening heeft een eindvervaldag in juni 2019. Fondsen kunnen opgenomen worden over een periode van 2 jaar. Per 31 december 2015 werden er geen opnames gedaan op deze faciliteit.

24.2.2 Kortlopende rentedragende verplichtingen

Kortlopende rentedragende verplichtingen bevatten het kortlopende gedeelte van de EIB lening (26 miljoen euro) en andere kortlopende lokale bankleningen die voor het merendeel niet gewaarborgd zijn. De gewogen gemiddelde rentevoet van deze lokale bankleningen bedraagt 7,92% (2014: 6,34%).

24.3 OBLIGATIELENING

In mei 2005 gaf de Onderneming een obligatielening uit met een nominale waarde van 200 miljoen euro. De obligatielening draagt een coupon van 4,375% en vervalt in juni 2015.

De interesten zijn jaarlijks betaalbaar na verloop van termijn. De uitgifteprijs bedroeg 101,956%. De obligatielening wordt gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs.

In voorbije jaren werd een bedrag van 11 miljoen euro afgelost door de Onderneming.

In mei 2014 lanceerde de Onderneming een openbaar ruilbod op hierboven vernoemde obligatielening. De houders van de bestaande obligatielening werd de mogelijkheid geboden om hun huidige obligaties in te ruilen tegen nieuw uitgegeven obligaties met een nominale waarde van 1.000 euro en een bruto vaste coupon van 5,35% per jaar met vervaldag op 2 juni 2019. Bestaande obligaties voor een totaal bedrag van 42 miljoen euro werden geruild in dit openbaar ruilbod. Bestaande obligaties voor een totaal bedrag van 147 miljoen euro blijven uitstaand en zullen terugbetaald worden in juni 2015.

25. VOORZIENINGEN 25.1 LANGLOPENDE

Langlopende voorzieningen bedroegen 6 miljoen euro op 31 december 2015 (2014: 14 miljoen euro).

MILJOEN EURO Milieuvoorzieningen Herstructureringen Andere TOTAAL
Voorzieningen per 31 december 2014 2 1 11 14
Voorzieningen aangelegd in de loop van het boekjaar - - 2 2
Aanwending van voorzieningen in de loop van het boekjaar - (1) (8) (9)
Terugname van voorzieningen in de loop van het boekjaar (1) - (1) (2)
Valutakoersverschillen - - 1 1
Overboekingen - - - -
Voorzieningen per 31 december 2015 1 - 5 6

Andere langlopende voorzieningen omvatten een voorziening voor leegstaande gebouwen, een voorziening voor afbraakkosten en een voorziening voor pensioenverzekering die betaalbaar is na meer dan één jaar.

In 2015 werd een verplichting wegens onttrekking aan een collectieve pensioenregeling in de Verenigde Staten van

Amerika afgewikkeld.

De kortlopende voorzieningen bedroegen 81 miljoen euro op 31 december

25.2 KORTLOPENDE

2015 (2014: 87 miljoen euro).

MILJOEN EURO Milieu
voorzieningen
Omzet
gerelateerde
voorzieningen
Herstructureringen Andere TOTAAL
Voorzieningen per 31 december 2014 5 44 19 19 87
Voorzieningen aangelegd in de loop van het boekjaar 1 57 15 5 78
Aanwending van voorzieningen in de loop van het boekjaar (1) (51) (16) (7) (75)
Terugname van voorzieningen in de loop van het boekjaar - (5) (3) (1) (9)
Valutakoersverschillen - 1 - (1) -
Overboekingen - 1 - (1) -
Voorzieningen per 31 december 2015 5 47 15 14 81

De voorzieningen met betrekking tot milieubescherming dekken toekomstige aanpassingswerken van terreinen en de sanering van bodems die zijn verontreinigd door vroegere industriële activiteiten.

Omzetgerelateerde voorzieningen op balansdatum evenals de bijhorende bewegingen in de loop van het boekjaar omvatten onder meer te betalen bedragen aan klanten met betrekking tot geleverde goederen en diensten gedurende het boekjaar, zoals omzetkortingen en rabatten, commissies betaalbaar aan agenten en bijkomende verplichtingen in verband met aan- en verkoopcontracten, voorzieningen voor commerciële betwistingen en verlieslatende contracten.

Voorzieningen voor herstructureringen omvatten voornamelijk de ontslagvergoedingen voor het personeel.

Andere kortlopende voorzieningen omvatten de kortlopende verplichtingen met betrekking tot vroegere werknemers van de logistieke afdeling die aan de groep H. Essers werden verkocht, provisies voor leegstaande gebouwen, voorzieningen voor betwistingen met vroegere werknemers en een voorziening in verband met betwistingen over invoerrechten. Tot slot omvatten ze de voorzieningen met betrekking tot vorderingen die verband houden met de verkoop van de Consumer Imaging (CI) business in 2004.

Het betreft hier voornamelijk commerciële betwistingen en vorderingen van vroegere CI-werknemers die naar AgfaPhoto zijn overgegaan.

25.3 WAARDERING VAN VOORZIENINGEN MET BETREKKING TOT HET FAILLISSEMENT VAN AGFAPHOTO GMBH

Op 1 november 2004 verkocht de Groep al haar Consumer Imagingactiviteiten aan AgfaPhoto Holding GmbH inclusief de productie, de verkoop en de dienstverlening welke verbonden is aan fotografische film, producten voor finishing en labapparatuur.

Vanaf november 2004 werden de Consumer Imagingactiviteiten volledig uitgeoefend door de AgfaPhoto groep van vennootschappen tot eind mei 2005 toen AgfaPhoto GmbH een aanvraag tot faillissement indiende in Duitsland, gevolgd door faillissementsaanvragen van een aantal AgfaPhotoverkooporganisaties.

In oktober 2005 besloot de curator van AgfaPhoto GmbH tot liquidatie van deze vennootschap. Niettegenstaande dat AgfaPhoto GmbH en haar dochtervennootschappen volledig onafhankelijk van de Groep opereren, heeft het faillissement en de liquidatie van AgfaPhoto GmbH en van sommige van haar dochtervennootschappen tot vandaag nog een zekere invloed op de Groep.

Agfa Finance is in een aantal landen nog steeds betrokken bij verschillende juridische geschillen betreffende leaseovereenkomsten voor minilabs, als eisende en als verwerende partij. Terwijl sommige gevallen door minnelijke schikkingen konden beëindigd worden of nog zullen beëindigd worden, worden de nog lopende geschillen behandeld conform de risicoinschattingen van de Groep.

De Groep heeft voldoende voorzieningen geboekt met betrekking tot AgfaPhoto-gerelateerde geschillen.

De Groep legt voorzieningen aan voor verwachte verliezen wanneer zij van oordeel is dat het verlies waarschijnlijk is en het bedrag van het verlies op een redelijke wijze kan worden geschat. Voorzieningen voor waarschijnlijke verliezen zijn gebaseerd op veronderstellingen en schattingen, en op juridisch advies op vlak van waarschijnlijke uitkomsten van een zaak.

Wanneer zich nieuwe ontwikkelingen voordoen of wanneer meer informatie beschikbaar is, bestaat de mogelijkheid dat de veronderstellingen en schattingen in deze zaken gewijzigd dienen te worden.

Verdere informatie wordt verschaft in toelichting 29.

26. UITGESTELDE OPBRENGSTEN EN VOORUITBETALINGEN

Uitgestelde opbrengsten omvat zowel gefactureerde bedragen als bedragen die conform de contractuele bepalingen aan de klanten kunnen worden gefactureerd maar nog niet in de winst- en verliesrekening kunnen worden opgenomen. De vooruitbetalingen geven de bedragen weer die de Onderneming heeft ontvangen maar nog niet aan haar klanten heeft gefactureerd daar zij haar verplichting ten aanzien van deze klanten nog dient te voltooien, zijnde de levering van goederen en/of diensten.

De uitgestelde opbrengsten en vooruitbetalingen bedroegen 141 miljoen euro op 31 december 2015 (2014: 125 miljoen euro) en resulteren voornamelijk uit tussentijdse facturatie in overeenkomsten waarin meerdere goederen zoals software en hardware en/of diensten samen worden aangeboden ('multiple element'-regelingen) en uit vooruitfacturatie van de dienstverlenings- en onderhoudscontracten.

De toepassing van de huidige richtlijn betreffende de opname van opbrengsten in de winst- en verliesrekening uit 'multiple element' regelingen vereist oordeelsvorming vanwege het management. Er dient te worden beoordeeld of de opnamecriteria afzonderlijk kunnen worden toegepast op de in de overeenkomst aangeboden goederen en/of diensten en zo ja, of er een betrouwbare en objectieve reële waarde voor de aangeboden goederen en/of diensten afzonderlijk kan worden bepaald. De toewijzing van de verkoopprijs van de overeenkomst aan de verschillende goederen en/of diensten op basis van ondernemingsspecifieke objectieve gegevens van reële waarde – inclusief de toewijzing van kortingen – steunt op oordeelsvorming en belangrijke schattingen vanwege het management. Wijzigingen in de door het management aangenomen veronderstellingen met betrekking tot de afzonderlijk identificeerbare goederen en/of diensten in een overeenkomst en de daaraan toegewezen reële waarde, zouden een belangrijke impact kunnen hebben op de opbrengsten opgenomen in de winst- en verliesrekening.

27. OVERIGE TE BETALEN POSTEN

De overige te betalen posten omvatten:

MILJOEN EURO 2015 2014
Toegerekende kosten 28 29
Toegerekende, niet-vervallen rente 3 8
Overige 15 12
TOTAAL 46 49

De blootstelling aan het wisselkoers- en liquiditeitsrisico uit overige te betalen posten van de Groep wordt beschreven in toelichting 7.

Overige te betalen posten omvatten voornamelijk te ontvangen facturen en verplichtingen als gevolg van liquiditeitsovereenkomsten.

28. OPERATIONELE LEASE-OVEREENKOMSTEN

28.1 LEASE-OVEREENKOMSTEN WAARBIJ ALS LEASINGNEMER WORDT OPGETREDEN

De Groep huurt voornamelijk gebouwen en infrastructuur op basis van operationele lease-overeenkomsten. De vervaldagstructuur van de toekomstige minimale lease-betalingen onder deze niet-opzegbare lease-overeenkomsten is:

MILJOEN EURO 2015 2014
Niet later dan één jaar 44 45
Later dan één jaar en niet later dan vijf jaar 94 103
Later dan vijf jaar 13 18
TOTAAL 151 166

28.2 LEASE-OVEREENKOMSTEN WAARBIJ ALS LEASINGGEVER WORDT OPGETREDEN

De Groep verhuurt bedrijfsruimte en overige materiële vaste

activa op basis van operationele leases. De toekomstige minimale lease-betalingen uit hoofde van niet-opzegbare lease-overeenkomsten luiden als volgt:

MILJOEN EURO 2015 2014
Niet later dan één jaar 2 2
Later dan één jaar en niet later dan vijf jaar 2 4
Later dan vijf jaar - -
TOTAAL 4 6

29. VERBINTENISSEN EN BUITENBALANSVERPLICHTINGEN

29.1 VOORWAARDELIJKE VERPLICHTINGEN

De voorwaardelijke verplichtingen vloeiden volledig voort uit verbintenissen aan derden gegeven en omvatten:

MILJOEN EURO 2015 2014
Bankgaranties 46 50
Andere 1 1
TOTAAL 47 51

De totale aankoopverplichtingen in het kader van belangrijke investeringsprojecten waarvoor de respectieve contracten al werden toegekend of de orders werden geplaatst, bedroegen op 31 december 2015 1 miljoen euro (2014: 1 miljoen euro).

29.2 JURIDISCHE RISICO'S/VOORWAARDELIJKE VERPLICHTINGEN

De Groep is momenteel niet betrokken in één of ander groot geschil, met uitzondering van het geschil in verband met de insolvabiliteit van AgfaPhoto.

AgfaPhoto

In verband met de verkoop van de Consumer Imaging-activiteiten

van Agfa-Gevaert AG en van sommige van haar dochtervennootschappen in 2004 had de Groep diverse contractuele relaties afgesloten met AgfaPhoto Holding GmbH, AgfaPhoto GmbH en hun dochtervennootschappen in verschillende landen (de AgfaPhoto groep). Daarbij werd voorzien in de overdracht van haar Consumer Imagingactiviteiten, inbegrepen activa, verplichtingen, contracten en personeel naar de vennootschappen behorende tot de AgfaPhoto groep.

Na de verkoop werd een aanvraag tot faillissement ingediend door AgfaPhoto GmbH en een aantal van haar dochtervennootschappen zowel in Duitsland als in andere landen.

In verschillende landen werden gerechtelijke procedures tegen de Groep ingespannen.

De Groep meent dat het in haar verweer in deze rechtszaken over voldoende argumenten beschikt en verdedigt haar belangen krachtdadig.

In verband met deze verkoop diende de curator van AgfaPhoto GmbH verschillende aanvragen tot arbitrage in bij het ICC Internationale Arbitragehof in Parijs, Frankrijk. In de enige nog hangende arbitrageprocedure vordert de curator een vergoeding voor vermeende onderkapitalisatie van AgfaPhoto GmbH evenals voor het vermeende veroorzaken van het faillissement van AgfaPhoto GmbH. De Groep meent dat het in haar verweer met betrekking tot deze vorderingen over voldoende argumenten beschikt en verdedigt haar belangen krachtdadig.

Omwille van wat wij denken, zijnde een hoog speculatieve aard van de vorderingen van de curator van AgfaPhoto GmbH, acht de Groep het onmogelijk om tot een betrouwbare schatting te komen van de financiële gevolgen van deze arbitrageprocedure.

30. INFORMATIEVERSCHAFFING OVER VERBONDEN PARTIJEN

30.1 TRANSACTIES MET BESTUURDERS EN LEDEN VAN HET EXECUTIVE MANAGEMENT (MANAGERS OP SLEUTELPOSITIES)

Het totaal van de beloningen voor managers op sleutelposities (exclusief patronale sociale bijdragen) opgenomen in de winst- en verliesrekening bedraagt:

2015 2014
MILJOEN EURO Bestuurders Executive
Management
Bestuurders Executive
Management
Kortlopende personeelsbeloningen 0,5 4,0 0,6 3,9
Vergoedingen na uitdiensttreding - 0.3 - 0.3
Op aandelen gebaseerde betalingen - - - -
TOTAAL 0,5 4,3 0,6 4,2

Per 31 december 2015 waren er geen uitstaande leningen ten behoeve van managers op sleutelposities.

De verplichtingen voor vergoedingen na uitdiensttreding voor de leden en de gepensioneerde leden van het Executive Management, opgenomen in de geconsolideerde balans op 31 december 2015, bedragen 18 miljoen euro. Het totaal van de beloningen voor managers op sleutelposities is ook inbegrepen in het Remuneratieverslag bladzijden 157-162.

30.2 TRANSACTIES MET ANDERE PARTIJEN

Transacties met verwante partijen betreffen voornamelijk handelstransacties en zijn gebaseerd op het 'at arm's length'-principe. De kosten en opbrengsten met betrekking tot deze transacties zijn immaterieel in het kader van de geconsolideerde jaarrekening.

De Groep en haar zakenpartner Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. hebben hun activiteiten gebundeld vanaf 2010, gericht op het versterken van de marktpositie van beide partners in Groot-China en de ASEAN-regio. Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. heeft een participatie van 49% in Agfa Graphics Asia Ltd., de holding van de gecombineerde activiteiten van beide partijen. Zie ook toelichting 22.8 Minderheidsbelangen.

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de transactiewaarde en het openstaand saldo tussen de Groep en Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. In de loop van 2015 verwierf Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. een dividend van 25 miljoen euro (49%).

Transactiewaarde per jaareinde Openstaand saldo per jaareinde
MILJOEN EURO 2015 2014 2015 2014
Verkopen aan Shenzhen Brother Gao Deng
Investment Group Co. Ltd.
32 46 5 6
Aankopen van Shenzhen Brother Gao Deng
Investment Group Co. Ltd.
44 20 1 1
Dividend 25 5 - -

31. WINST PER AANDEEL

31.1 GEWONE WINST PER AANDEEL

De berekening van de gewone winst per aandeel is gebaseerd op een toe te kennen winst (verlies) aan de aandeelhouders van de Onderneming van 62 miljoen euro (2014: 50 miljoen euro (herwerkt)) en een gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande aandelen gedurende het jaar 2015 van 167.751.190 (2014: 167.751.190).

Het gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande aandelen werd als volgt berekend:

Aantal uitstaande gewone aandelen
op 1 januari 2015
Effect van opties uitgeoefend
gedurende 2015
Gewogen gemiddelde aantal
gewone uitstaande aandelen
op 31 december 2015
167.751.190 - 167.751.190
EURO 2015 2014
Gewone winst per aandeel 0,37 0,30

31.2 VERWATERDE WINST PER AANDEEL

De berekening van de verwaterde winst per aandeel is gebaseerd op een toe te kennen winst (verlies) aan de aandeelhouders van de Onderneming van 62 miljoen euro (2014: 50 miljoen euro (herwerkt)) en een gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande verwaterde aandelen gedurende het jaar 2015

van 167.751.190 (2014: 167.751.190).

Er dient te worden opgemerkt dat er geen openstaande aandelenoptieplannen meer zijn op 31 december 2015.

Het gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande verwaterde aandelen werd als volgt berekend:

Aantal uitstaande gewone aandelen
op 1 januari 2015
Effect van potentiële gewone
aandelen die tot verwatering
zullen leiden
Gewogen gemiddelde aantal
gewone uitstaande verwaterde
aandelen op 31 december 2015
167.751.190 - 167.751.190
EURO 2015 2014
Verwaterde winst per aandeel 0,37 0,30

De gemiddelde reële waarde van een gewoon aandeel bedroeg in 2015 2,91 euro per aandeel.

32. INVESTERINGEN IN DOCHTERONDERNEMINGEN EN INVESTERINGEN VERWERKT VOLGENS DE 'EQUITY'-METHODE

De moedermaatschappij van de Groep, Agfa-Gevaert NV (BE 0404 021 727), Mortsel (België), is de moedermaatschappij van de volgende belangrijke dochterondernemingen:

Geconsolideerde ondernemingen per 31 december 2015
Naam van de onderneming Locatie Deelnemings-%
Agfa (Pty.) Ltd. Isando/Republiek Zuid-Afrika 100
Agfa (Wuxi) Imaging Co., Ltd. Wuxi/Volksrepubliek China 99,16
Agfa (Wuxi) Printing Plate Co. Ltd. Wuxi/Volksrepubliek China 51
Agfa ASEAN Sdn. Bhd. Petaling Jaya/Maleisië 51
Agfa Corporation Elmwood Park/Verenigde Staten van Amerika 100
Agfa de Mexico S.A. de C.V. Mexico D.F./Mexico 100
Agfa Finance Corp. Wilmington/Verenigde Staten van Amerika 100
Agfa Finance Inc. Toronto/Canada 100
Agfa Finance Italy SpA Milaan/Italië 100
Agfa Finance NV - BE 0436 501 879 Mortsel/België 100
Agfa Finco NV - BE 0810 156 470 Mortsel/België 100
Agfa Graphics Argentina S.A. Buenos Aires/Argentinië 100
Agfa Graphics Asia Ltd. Hong Kong/Volksrepubliek China 51
Agfa Graphics Ecuador CIA. LTDA Quito/Ecuador 100
Agfa Graphics Ltd. Leeds/Verenigd Koninkrijk 100
Agfa Graphics Middle East Fzco Dubai/Ver. Arabische Emiraten 100
Agfa Graphics NV - BE 0456 366 588 Mortsel/België 100
Agfa Graphics S.r.l. Milaan/Italië 100
Agfa HealthCare - Knightsbridge GmbH Wenen/Oostenrijk 60
Agfa HealthCare AG Dübendorf/Zwitserland 100
Agfa HealthCare Argentina S.A. Buenos Aires/Argentinië 100
Agfa HealthCare Australia Limited Scoresby/Australië 100
Agfa HealthCare Brasil Importacao e Servicos Ltda. Sao Paulo/Brazilië 100
Agfa HealthCare Chile Ltda. Santiago de Chile/Chili 100
Agfa HealthCare Colombia Ltda. Bogota/Colombië 100
Agfa HealthCare Corporation Greenville/Verenigde Staten van Amerika 100
Agfa HealthCare Denmark A/S Kopenhagen/Denemarken 100
Agfa HealthCare France S.A. Artigues près Bordeaux/Frankrijk 100
Agfa Healthcare Equipments Portugal Lda. Oeiras/Portugal 100
Agfa HealthCare Finland Oy AB Espoo/Finland 100
Agfa HealthCare Germany GmbH Bonn/Duitsland 100
Agfa HealthCare Ges.mbH Wenen/Oostenrijk 100
Agfa HealthCare GmbH Bonn/Duitsland 100
Agfa HealthCare Hellas A.E.B.E. Peristeri/Griekenland 100
Agfa HealthCare Hong Kong Ltd. Hong Kong/Volksrepubliek China 100
Agfa HealthCare Hungary Kft. Boedapest/Hongarije 100
Agfa HealthCare Imaging Agents GmbH Keulen/Duitsland 100
Agfa HealthCare Inc. Mississauga/Canada 100
Agfa HealthCare India Private Ltd. Thane/Indië 100
Agfa HealthCare Luxembourg S.A. Bertrange/Luxemburg 100
Agfa HealthCare Malaysia Sdn. Bhd. Kuala Lumpur/Maleisië 100
Agfa HealthCare Mexico S.A. de C.V. Mexico D.F./Mexico 100
Agfa HealthCare Norway AS Oslo/Noorwegen 100
Agfa HealthCare NV - BE 0403 003 524 Mortsel/België 100
Agfa HealthCare Saudi Arabia Company Limited LLC Riyadh/Saoedi-Arabië 100
Agfa HealthCare (Shanghai) Co Ltd. Shanghai/Volksrepubliek China 100
Agfa HealthCare Singapore Pte. Ltd. Singapore/Republiek Singapore 100
Agfa HealthCare Solutions LLC Dubai/Verenigde Arabische Emiraten 100
Agfa HealthCare South Africa Pty. Ltd. Isando/Republiek Zuid-Afrika 100
Agfa HealthCare Spain S.A.U. Barcelona/Spanje 100
Agfa HealthCare Sweden AB Kista/Zweden 100
Agfa HealthCare Systems Taiwan Co. Ltd. Taipei/Taiwan 100
Agfa HealthCare UK Limited Brentford/Verenigd Koninkrijk 100
Agfa Imaging (Shenzhen) Co. Ltd. Shenzhen/Volksrepubliek China 51
Agfa Inc. Mississauga/Canada 100
Agfa Industries Korea Ltd. Kyunggi-do/Zuid-Korea 100
Agfa Limited Dublin/Ierland 100
Agfa Materials Corporation Wilmington/Verenigde Staten van Amerika 100
Agfa Materials Japan Ltd. Tokyo/Japan 100
Agfa Materials Taiwan Co. Ltd. Taipei/Taiwan 100
Agfa Scots Ltd. Edinburgh/Verenigd Koninkrijk 100
Agfa Singapore Pte. Ltd. Singapore/Republiek Singapore 51
Agfa Solutions SAS Rueil-Malmaison/Frankrijk 100
Agfa Sp. z.o.o. Warschau/Polen 100
Agfa Taiwan Co. Ltd. Taipei/Taiwan 51
Agfa-Gevaert A.E.B.E. Athene/Griekenland 100
Agfa-Gevaert Aktiengesellschaft für Altersversorgung Keulen/Duitsland 100
Agfa-Gevaert Argentina S.A. Buenos Aires/Argentinië 100
Agfa-Gevaert B.V. Rijswijk/Nederland 100
Agfa-Gevaert Colombia Ltda. Bogota/Colombië 100
Agfa-Gevaert de Venezuela S.A. Caracas/Venezuela 100
Agfa-Gevaert do Brasil Ltda. Sao Paulo/Brazilië 100
Agfa-Gevaert Graphic Systems GmbH Keulen/Duitsland 100
Agfa-Gevaert HealthCare GmbH Keulen/Duitsland 100
Agfa-Gevaert Japan, Ltd. Tokyo/Japan 100
Agfa-Gevaert Limited Scoresby/Australië 100
Agfa-Gevaert Limited Brentford/Verenigd Koninkrijk 100
Agfa-Gevaert Ltda. Santiago de Chile/Chili 100
Agfa-Gevaert GmbH Keulen/Duitsland 100
Agfa-Gevaert NZ Ltd. Auckland/Nieuw-Zeeland 100
Agfa-Gevaert S.A. Rueil-Malmaison/Frankrijk 99,99
Agfa-Gevaert S.p.A. Milaan/Italië 100
Agfa HealthCare Imaging Agents France S.r.l. Marcq en Baroeul/Frankrijk 100
Lastra Attrezzature S.r.l. Manerbio/Italië 60
Litho Supplies (UK) Ltd. Derby/Verenigd Koninkrijk 100
Luithagen NV - BE 0425 745 668 Mortsel/België 100
New ProImage America Inc. Princeton/Verenigde Staten van Amerika 100
New ProImage Ltd. Netanya/Israël 100
OOO Agfa Graphics Moskou/Russische Federatie 100

TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING

OOO Agfa Health IT Moskou/Russische Federatie 100
OOO Agfa Moskou/Russische Federatie 100
Plurimetal do Brasil Ltda. Rio de Janeiro/Brazilië 100
Shanghai Agfa Imaging Products Co., Ltd. Shanghai/Volksrepubliek China 51
Agfa HealthCare Algérie Sarl Alger/Algerië 100
Agfa HealthCare Kazakhstan LLP Almaty/Republiek Kazakhstan 100
Agfa HealthCare Ukraine LLC Kiev/Oekraïne 100
PT Gevaert-Agfa HealthCare Indonesia Jakarta/Indonesië 100
TIP GROUP Holding GmbH Graz/ Oostenrijk 100
TIP Unternehmensberatung Gesellschaft mbH Graz/ Oostenrijk 100
TIP Management AG Zürich/Zwitserland 100
TIP Group Deutschland GmbH Düsseldorf/Duitsland 100
Investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode per 31 december 2015
Naam van de onderneming Locatie Deelnemings-%
PlanOrg Informatik GmbH Jena/Duitsland 24,50

33. GEBEURTENISSEN NA BALANSDATUM

34. INFORMATIE MET BETREKKING TOT DE OPDRACHTEN EN HONORARIA VAN DE COMMISSARIS

Geen gebeurtenissen na balansdatum.

De honoraria met betrekking tot audit en aan audit gerelateerde prestaties geleverd door KPMG Bedrijfsrevisoren en zijn netwerk kan als volgt gedetailleerd worden:

EURO 2015 2014
Bezoldiging van de commissaris voor de uitoefening van een mandaat van
commissaris voor de Vennootschap en de Groep (België)
538.544 538.544
Bezoldiging van de commissaris voor uitzonderlijke werkzaamheden of
bijzondere opdrachten uitgevoerd voor de Vennootschap en de Groep:
Andere controle 34.450 53.788
Belastingadvies 156.183 75.248
Andere opdrachten buiten de revisorale 327.290 575.733
SUBTOTAAL 1.056.467 1.243.313
Bezoldigingen van personen met wie de commissaris verbonden is
voor de uitoefening van een mandaat van commissaris voor de Groep
(Buitenlandse vennootschappen)
1.183.283 1.105.595
Bezoldiging van personen met wie de commissaris verbonden is voor
uitzonderlijke werkzaamheden of bijzondere opdrachten uitgevoerd
voor de Groep:
Andere controle 65.861 108.948
Belastingadvies 29.588 78.779
Andere opdrachten buiten de revisorale 155.858 263.411
SUBTOTAAL 1.434.590 1.556.733
TOTAAL 2.491.057 2.800.046

De honoraria voor de audit van de financiële staten bevatten honoraria voor de audit van de geconsolideerde jaarrekening alsook de honoraria voor de audit van de financiële staten

van dochterondernemingen in België en in het buitenland. De andere opdrachten buiten de revisorale omvatten adviesverlening in het kader van speciale opdrachten.

Verslag van de commissaris aan de algemene vergadering van Agfa-Gevaert NV over het boekjaar afgesloten op 31 december 2015

Overeenkomstig de wettelijke bepalingen, brengen wij u verslag uit in het kader van ons mandaat van commissaris. Dit verslag omvat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2015, zoals hieronder gedefinieerd, en omvat tevens ons verslag betreffende overige door wet- en regelgeving gestelde eisen.

Verslag over de geconsolideerde jaarrekening - oordeel zonder voorbehoud

Wij hebben de controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van Agfa-Gevaert NV ('de Vennootschap') en haar dochterondernemingen (samen 'de Groep') opgesteld in overeenstemming met International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften. Deze geconsolideerde jaarrekening omvat de geconsolideerde balans op 31 december 2015, de geconsolideerde winst- en verliesrekening en geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, het geconsolideerde mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerde kasstroomoverzicht voor het boekjaar afgesloten op die datum, evenals een toelichting die een overzicht van de voornaamste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige informatieverschaffing bevat. Het geconsolideerde balanstotaal bedraagt 2.402 miljoen euro en de geconsolideerde winst- en verliesrekening sluit af met een winst van het boekjaar van 71 miljoen euro.

Verantwoordelijkheid van het bestuursorgaan voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening

Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met International Financial Reporting Standards (IFRS), zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor het implementeren van een interne beheersing die het bestuursorgaan noodzakelijk acht voor het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening die geen afwijkingen van materieel belang bevat, die het gevolg zijn van fraude of van fouten.

Verantwoordelijkheid van de commissaris

Het is onze verantwoordelijkheid een oordeel over deze geconsolideerde jaarrekening tot uitdrukking te brengen op basis van onze controle. Wij hebben onze controle volgens de internationale controlestandaarden (ISA's) uitgevoerd. Die standaarden vereisen dat wij aan de deontologische vereisten voldoen alsook de controle plannen en uitvoeren om een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen dat de geconsolideerde jaarrekening geen afwijkingen van materieel belang bevat. Een controle omvat werkzaamheden ter verkrijging van controle-informatie over de in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen bedragen en toelichtingen. De geselecteerde werkzaamheden zijn afhankelijk van de beoordeling door de commissaris, met inbegrip van diens inschatting van de risico's van een afwijking van materieel belang in de geconsolideerde jaarrekening als gevolg van fraude of van fouten.

Bij het maken van die risico-inschatting neemt de commissaris de interne beheersing van de Groep in aanmerking die relevant is voor het opstellen door de Vennootschap van de geconsolideerde jaarrekening, die een getrouw beeld geeft, teneinde controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar die niet gericht zijn op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne beheersing van de Groep. Een controle omvat tevens een evaluatie van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en van de redelijkheid van door het bestuursorgaan gemaakte schattingen, alsmede een evaluatie van de presentatie van de geconsolideerde jaarrekening als geheel.

Wij hebben van de verantwoordelijken en van het bestuursorgaan van de Vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.

Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is om daarop ons oordeel zonder voorbehoud te baseren.

Oordeel zonder voorbehoud

Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening, een getrouw beeld van het vermogen en de geconsolideerde financiële toestand van de Groep op 31 december 2015 evenals van haar geconsolideerde resultaten en geconsolideerde kasstromen voor het boekjaar eindigend op die datum, in overeenstemming met International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.

Verslag betreffende overige door wet- en regelgeving gestelde eisen

Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening. In het kader van ons mandaat en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden, is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, de naleving van bepaalde wettelijke en bestuursrechterlijke voorschriften na te gaan. Op grond hiervan doen wij de volgende bijkomende verklaring die niet van aard is om de draagwijdte van ons oordeel over de geconsolideerde jaarrekening te wijzigen:

• Het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening behandelt de door de wet vereiste inlichtingen, stemt in alle van materieel belang zijnde opzichten overeen met de geconsolideerde jaarrekening en bevat geen van materieel belang zijnde inconsistenties ten aanzien van de informatie waarover wij beschikken in het kader van ons mandaat.

Kontich, 7 april 2016

KPMG Bedrijfsrevisoren Commissaris vertegenwoordigd door

Filip De Bock Bedrijfsrevisor

Statutaire jaarrekening

De volgende bladzijden zijn uittreksels van de statutaire jaarrekening van Agfa-Gevaert NV, opgesteld overeenkomstig de Belgische boekhoudkundige regels. Het verslag van de Raad van Bestuur aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders en de jaarrekening van Agfa-Gevaert NV zullen samen met het verslag van de commissarisrevisor gedeponeerd worden bij de Nationale Bank van België binnen de statutair bepaalde termijn. Deze documenten zijn op aanvraag verkrijgbaar bij de afdeling Investor Relations van de Vennootschap en beschikbaar op www.agfa.com/investorrelations.

Alleen de geconsolideerde jaarrekening vervat in de voorafgaande bladzijden geeft een correct en betrouwbaar beeld van de financiële situatie en de prestaties van de Agfa-Gevaert Groep. Het statutair verslag van de commissaris-revisor bevat geen bemerkingen en verklaart dat de niet-geconsolideerde jaarrekening van Agfa-Gevaert NV over het jaar, dat eindigde op 31 december 2015, een correct en betrouwbaar beeld geeft van de financiële situatie en de resultaten van de Vennootschap, en dit in overeenstemming met alle wettelijke en statutaire bepalingen.

RESULTATENREKENING

I. Bedrijfsopbrengsten
A.
Omzet
494
509
B.
Voorraad goederen in bewerking en gereed product en bestellingen in uitvoering (toename +, afname -)
14
(4)
C.
Geproduceerde vaste activa
20
18
D.
Andere bedrijfsopbrengsten
106
118
TOTALE BEDRIJFSOPBRENGSTEN
634
641
II. Bedrijfskosten
A.
Handelsgoederen, grond- en hulpstoffen
1. Aankopen
255
269
2. Voorraad (toename -, afname +)
(5)
4
B.
Diensten en diverse goederen
93
104
C.
Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen
210
218
D.
Afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten,
26
28
op immateriële en materiële vaste activa
E.
Waardeverminderingen op voorraden, op bestellingen in uitvoering
2
1
en op handelsvorderingen (toevoegingen +, terugnemingen -)
F.
Voorzieningen voor risico's en kosten
(13)
(17)
(toevoegingen +, bestedingen en terugnemingen -)
G.
Andere bedrijfskosten
6
5
TOTALE BEDRIJFSKOSTEN
574
612
III.
Bedrijfswinst/verlies
60
29
IV.
Financiële opbrengsten
128
60
V.
Financiële kosten
(185)
(136)
VI.
Winst/verlies uit de gewone bedrijfsuitoefening vóór belasting
3
(47)
VII.
Uitzonderlijke opbrengsten
2
1
VIII.
Uitzonderlijke kosten
(21)
(2)
IX.
Winst/verlies van het boekjaar vóór belasting
(16)
(48)
IXbis.
Overboeking aan de uitgestelde belastingen
0
0
X.
Belastingen op het resultaat
1
2
XI.
Winst/verlies van het boekjaar
(15)
(46)
XII.
Overboeking naar belastingvrije reserves
0
0
XIII.
Te bestemmen winst/verlies van het boekjaar
(15)
(46)
Resultaatverwerking
A.
Te bestemmen winstsaldo
370
385
1. Te bestemmen winst/verlies van het boekjaar
(15)
(46)
2. Overgedragen winst van het vorig boekjaar
385
431
B.
Onttrekking aan het eigen vermogen
0
0
C.
Toevoeging aan het eigen vermogen
0
0
D.
Over te dragen winst (verlies)
370
385
F.
Uit te keren winst
0
0
MILJOEN EURO 2015 2014

144 - Agfa-Gevaert l Jaarverslag 2015

BALANS

MILJOEN EURO 31 december 2015 31 december 2014
Activa
I. Oprichtingskosten 3 2
II. Immateriële vaste activa 32 32
III. Materiële vaste activa 16 16
IV. Financiële vaste activa 3.186 3.109
V. Vorderingen op meer dan één jaar 0 0
VI. Voorraden en bestellingen in uitvoering 107 89
VII. Vorderingen op ten hoogste 1 jaar 271 282
VIII. Geldbeleggingen 23 25
IX. Liquide middelen 27 65
X. Overlopende rekeningen 3 3
3.668 3.623
Passiva
I. Kapitaal 187 187
II. Uitgiftepremies 211 211
IV. Reserves 416 417
V. Overgedragen winst 370 385
VI. Kapitaalsubsidies 1 1
1.185 1.201
VII. Voorzieningen en uitgestelde belastingen 49 61
VIII. Schulden op meer dan 1 jaar 144 50
IX. Schulden op ten hoogste 1 jaar 2.279 2.296
X. Overlopende rekeningen 11 15
3.668 3.623

Corporate Governance verklaring 12

De Vennootschap heeft beslist om de Belgische Corporate Governance Code 2009 als referentiecode toe te passen. Deze Code kan worden geraadpleegd op de website www.corporategovernancecommittee.be.

Tenzij anders aangegeven in de relevante secties van deze verklaring past de Vennootschap de Belgische Corporate Governance Code 2009 volledig toe. Het volledige Corporate Governance Charter van de Vennootschap is gepubliceerd op de website: www.agfa.com/investorrelations.

Deze Corporate Governance Verklaring is tevens in overeenstemming met de Corporate Governance Wet van 6 april 2010, zoals gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 23 april 2010. Deze Corporate Governance Wet kan worden geraadpleegd op de website van het Belgisch Staatsblad: www.staatsblad.be. Het Remuneratieverslag maakt deel uit van deze Corporate Governance-verklaring.

De bestuursstructuur van de Vennootschap is opgebouwd rond de Raad van Bestuur, de Chief Executive Officer (CEO) en het Executive Committee (Exco). De Raad van Bestuur wordt bijgestaan door een Benoemings- en Remuneratiecomité en een Auditcomité.

12

Raad van Bestuur

De Raad van Bestuur is als hoogste bestuursorgaan bevoegd om alle handelingen te verrichten die noodzakelijk of nuttig zijn voor de verwezenlijking van het maatschappelijk doel, met uitzondering van die waarvoor volgens de wet alleen de Algemene Aandeelhoudersvergadering bevoegd is (onder meer de wijziging van de statuten, kapitaalverhoging buiten toegestaan kapitaal, kapitaalvermindering).

De bevoegdheden en de werking van de Raad van Bestuur worden in extenso beschreven in het Corporate Governance Charter.

De statuten bepalen dat de Raad van Bestuur vergadert wanneer het belang van de Vennootschap dit vereist of wanneer twee bestuurders hierom verzoeken. In 2015 vonden er acht effectieve vergaderingen plaats, evenals enkele korte besprekingen per 'conference call'.

De Raad van Bestuur vergaderde en besliste tijdens 2015 onder meer over: het bepalen van de bedrijfsstrategie en van de belangrijkste beleidslijnen, de vooruitzichten voor 2016 en de actieplannen voor de volgende jaren, de aanbevelingen gedaan door de verschillende Comités van de Raad van Bestuur, het risicomanagement, de goedkeuring van budgetten, kostenbeheersingscenario's, de evolutie van belangrijke juridische geschillen en de goedkeuring van de jaarrekeningen.

Bestuurders die mogelijkerwijs een belangenconflict hebben met betrekking tot een agendapunt moeten dit voor iedere beraadslaging melden en moeten zich onthouden van beraadslaging en stemming over dat onderwerp. Meer in het bijzonder mogen bestuurders zich niet in conflictsituaties plaatsen zoals beschreven in het Corporate Governance Charter van de Vennootschap. Wanneer een dergelijke situatie zich tegen hun wil in alsnog voordoet, dan moeten zij dit bekendmaken voor enige beraadslaging met betrekking tot het bewuste agendapunt plaatsvindt en zich onthouden van beraadslaging en stemming hierover. In 2015 hebben er zich geen situaties voorgedaan waarbij een bestuurder rechtstreeks of onrechtstreeks een belangenconflict had met een beslissing van de Raad van Bestuur.

Samenstelling van de Raad van Bestuur

De statuten bepalen dat de Raad van Bestuur samengesteld is uit ten minste zes leden, al dan niet aandeelhouders, die benoemd worden voor een hernieuwbare termijn van maximum vier jaar. Minstens de helft van de leden zijn 'niet-uitvoerende bestuurders' en minstens drie van hen zijn onafhankelijk.

Aan de bestuurdersmandaten van de heren Julien De Wilde en Christian Leysen zou een einde komen onmiddellijk na de Jaarvergadering van 12 mei 2015. Enkel de heer Julien De Wilde stelde zich herkiesbaar.

Tijdens de Jaarvergadering van 12 mei 2015

werd de heer Julien De Wilde als bestuurder herbenoemd voor een nieuwe termijn van vier jaar. Tevens benoemden de aandeelhouders mevrouw Viviane Reding en mevrouw Hilde Laga tot onafhankelijke bestuurders voor een periode van vier jaar.

Sinds 12 mei 2015 bestaat de Raad van Bestuur dan ook uit de hiernavolgende zeven leden:

  • Julien De Wilde, Voorzitter, lid sinds 2006, Bestuurder van vennootschappen,
  • Pamica NV (1), met als vaste vertegenwoordiger Michel Akkermans, lid sinds 2008, Bestuurder van vennootschappen,
  • Mercodi BVBA, met als vaste vertegenwoordiger Jozef Cornu, lid sinds 2002, Bestuurder van vennootschappen,
  • Willy Duron (1), lid sinds 2008, Bestuurder van vennootschappen,
  • Hilde Laga (1), lid sinds 2015, Bestuurder van vennootschappen,
  • Viviane Reding (1), lid sinds 2015, Bestuurder van vennootschappen,
  • CRBA Management BVBA, met als vaste vertegenwoordiger Christian Reinaudo, CEO, lid sinds 2010, Bestuurder van vennootschappen.

(1) Onafhankelijk bestuurder in de zin van artikel 526ter van het Wetboek van Vennootschappen.

Julien De Wilde trad toe tot Agfa's Raad van Bestuur in 2006. Sinds april 2008 is hij Voorzitter van de Raad van Bestuur.

Christian Reinaudo trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2010. Op 1 mei 2010 werd hij tevens CEO van Agfa-Gevaert.

CV's van de leden van de Raad van Bestuur

Julien De Wilde (°1944 - Belg) behaalde het diploma van burgerlijk ingenieur aan de Katholieke Universiteit Leuven (België). Vanaf 1969 oefende hij verschillende managementfuncties uit bij Texaco. In 1986 werd hij benoemd tot lid van de Europese Raad van Texaco in New York. In 1988 ging hij het onderzoek- en business developmentcentrum van Recticel leiden. Een jaar later trad hij toe tot het Directiecomité van Alcatel Bell. Hij droeg er de verantwoordelijkheid voor strategie en algemene diensten. Van 1995 tot 1998 was Julien De Wilde CEO van Alcatel Bell en van 1999 tot 2002 Executive Vice-President en lid van het Directiecomité van Alcatel in Parijs, verantwoordelijk voor Europa, het Midden-Oosten, Latijns-Amerika, India en Afrika. Van 1 juli 2002 tot mei 2006 was hij CEO van de Bekaert Groep.

Huidige mandaten

  • Voorzitter Nyrstar NV.
  • Ere-Voorzitter Agoria.
  • Voorzitter ION NV.

Christian Reinaudo (°1954 - Fransman) studeerde af aan de 'Ecole de Physique et de Chimie Industrielles de Paris' en heeft een doctoraat van de Universiteit van Parijs (Frankrijk). Hij startte zijn loopbaan bij Alcatel (toen nog 'Compagnie Générale d'Electricité') in 1978 in het Onderzoeks- en Ontwikkelingscentrum van Marcoussis (Frankrijk). Tijdens zijn periode bij Alcatel leidde hij activiteiten met een omzet van verschillende miljarden euro en internationale verkoop- en serviceorganisaties.

Van 1984 tot 1996 bekleedde hij verschillende functies binnen de 'Cable'-Groep van Alcatel (nu Nexans), van onderzoek en ontwikkeling tot productie, aankoop, verkoopondersteuning en diensten. Begin 1997 werd hij President van de Submarine Networks Divisie. Nadat hij in 1999 tot President van de hele Optics Groep werd benoemd, trad hij begin 2000 toe tot het Directiecomité van Alcatel als Executive Vice-President. In 2003 werd hij benoemd tot President van Alcatel Asia Pacific en verhuisde hij naar Shanghai (China), waar hij verbleef tot 2006. In die periode was hij ook de Ondervoorzitter van de Raad van Bestuur van Alcatel Shanghai Bell, de Chinese joint venture tussen Alcatel en de Chinese overheid. Na zijn terugkeer naar Parijs in 2006 werd hij verantwoordelijk voor het management van het integratieen transitieproces als gevolg van de fusie van Alcatel en Lucent

Michel Akkermans trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2008.

Michel Akkermans (°1960 - Belg) behaalde een diploma van ingenieur in de elektronica en de computerwetenschappen en een diploma in de economie en financiën aan de Katholieke Universiteit Leuven (België). Hij is serie-ondernemer en investeerder. Hij bekleedde managementfuncties bij een aantal internationale bankinstellingen en technologiebedrijven alvorens in 1989 FICS op te richten, een toonaangevende softwarespecialist op het vlak van online-bankieren en financiële rapportering. In 1999 fuseerde FICS met Security First Technologies tot S1 Corporation, de marktleider op het vlak van bankieren via het internet.

Michel Akkermans werd Voorzitter van deze groep. In 2001 werd hij Voorzitter en CEO van Clear2Pay, een vernieuwende e-financeonderneming, gespecialiseerd in wereldwijd toepasbare oplossingen voor beveiligde elektronische betalingen. In 2014 werd Clear2Pay overgenomen door FIS.

Huidige mandaten

• Bestuurder Quest for Growth, Capricorn ICT Arkiv, Citymesh, Approach, Awingu, nCentric, NGData, Connective, Seaters, ThreeAndMore, Eagle Eyes, Intix, Cashforce, Imec International, Belcham, miDiagnostics.

Jo Cornu (°1944 - Belg) studeerde af als burgerlijk ingenieur elektrotechniek en werktuigkunde aan de Katholieke Universiteit Leuven (België) en hij behaalde een PhD diploma elektronica aan de Carlton University in Ottawa (Canada). Jo Cornu was CEO van Mietec van 1982 tot 1984 en daarna General Manager van Bell Telephone tot 1987. Van 1988 tot 1995 was hij lid van het Directiecomité van Alcatel NV en van 1995 tot 1999 COO van Alcatel Telecom. Daarna werd hij adviseur van de Voorzitter van de Raad van Bestuur van Alcatel. Van 2005 tot 2007 was Jo Cornu voorzitter van de ISTAG groep (Information Society Technologies Advisory Group) van de Europese Commissie. Van begin maart 2007 tot einde januari 2008 was hij voorzitter van Medea+, de Eureka Cluster voor Microelektronica Research in Europa. Van december 2012 tot november 2013 was hij Voorzitter van de Raad van Bestuur van Electrawinds SE. Sedert november 2013 is hij CEO van de NMBS.

Jo Cornu trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2002. Eind november 2007 werd Jo Cornu tot CEO van Agfa-Gevaert benoemd. Hij legde zijn mandaat van CEO neer met ingang van 1 mei 2010.

Willy Duron trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2008.

Hilde Laga trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2015.

Viviane Reding trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2015.

• CEO NMBS.

Willy Duron (°1945 - Belg) is licentiaat in de wiskunde (Rijksuniversiteit Gent, België) en licentiaat in de actuariële wetenschappen (Katholieke Universiteit Leuven, België). Hij begon zijn loopbaan in 1970 als actuaris bij ABB verzekeringen (Assurantie van de Belgische Boerenbond) waar hij in 1984 directeur Leven en Herverzekering en later Adjunct-Directeur-Generaal werd. In 2000 werd hij Voorzitter van het Directiecomité van KBC Verzekeringen NV, en in 2003 Voorzitter van het Directiecomité van KBC Bankverzekeringsholding NV. Vanaf begin 2005 tot het najaar van 2006 was hij CEO van KBC Groep NV.

Huidige mandaten

  • Bestuurder van Tigenix, Van Breda Risk & Benefits, Windvision.
  • Voorzitter van de Raad van Commissarissen van Van Lanschot Bankiers.

Hilde Laga (°1956 - Belgische) wordt algemeen erkend als een Belgische autoriteit inzake adviesverlening op het vlak van vennootschapsrecht. Tot 2014 combineerde zij haar werk als advocaat met een erg gewaardeerde academische carrière. Nadat ze een doctoraat behaalde in de rechten aan de KU Leuven (België), richtte zij het advocatenkantoor Laga op, dat zij leidde als managing partner en als hoofd van de corporate M&A-praktijk tot in 2013. Het kantoor bestaat uit ongeveer 150 advocaten. Als professor aan de universiteit van Leuven, doceerde Hilde vennootschapsrecht. Over dit onderwerp heeft zij talrijke nationale en internationale publicaties op haar naam. Zij is thans verbonden als bijzonder gasthoogleraar. Hilde Laga is lid van de Belgische Corporate Governance Commissie en was verschillende jaren lid van de Raad van Toezicht van de FSMA (vroeger CBFA).

Huidige mandaten

• Lid van de Raad van Bestuur van Barco NV, Greenyard Foods NV, GIMV NV, KU Leuven en haar universitair ziekenhuis.

Viviane Reding (°1951 - Luxemburgse) werkte 20 jaar als professioneel journaliste na het behalen van haar doctoraat (Sorbonne Universiteit, Parijs). In 1999, na 10 jaar in het Luxemburgs Parlement en 10 jaar in het Europees Parlement gezeteld te hebben, werd ze Europees Commissaris voor Onderwijs, Cultuur, Jeugdzaken en Sport. In 2004 werd ze EU Commissaris voor de Informatiesamenleving en Media. In die periode heeft ze een grote rol gespeeld bij de reorganisatie van de Europese telecomsector door het openstellen van de interne markt voor concurrentie. Ze heeft toen ook het Europees Onderzoeksdomein gereorganiseerd door de technologische onderzoeksplatformen te versterken. In 2010 werd ze eerste

Ondervoorzitter en EU Commissaris verantwoordelijk voor

Justitie, Fundamentele Rechten en Burgerschap. Comités opgericht door de Raad van Bestuur

Auditcomité (AC)

Het Auditcomité vervult de taken zoals omschreven in artikel 526bis§4 van het Wetboek van Vennootschappen en staat de Raad van Bestuur bij in het uitoefenen van zijn opdracht van controle in de ruimste betekenis van het woord. Zijn bevoegdheden en werking worden in extenso beschreven in hoofdstuk 5.1 van het Corporate Governance Charter.

Het Auditcomité bestaat sinds 12 mei 2015 uit drie niet-uitvoerende bestuurders: de heer W. Duron, Voorzitter, de heer J. De Wilde en mevrouw Hilde Laga. Twee ervan zijn onafhankelijke bestuurders. Al deze leden voldoen aan de vereisten van artikel 526bis§2 van het Wetboek van Vennootschappen inzake deskundigheid op het gebied van boekhouding en audit.

Het Comité had vijf zittingen in 2015. Onder meer de volgende agendapunten werden behandeld: het nazicht van de jaarrekeningen 2014, de kwartaalresultaten van 2015 en de rapporten van de interne auditafdeling, de opvolging van belangrijke juridische zaken zoals het AgfaPhoto-dossier en de evaluatie van het risicomanagement in de Groep.

Benoemings- en Remuneratiecomité (BRC)

Het Benoemings- en Remuneratiecomité werd door de Raad van Bestuur belast met verantwoordelijkheden inzake de voordracht voor benoeming, herbenoeming en ontslag van Bestuurders en leden van het Executive Management, het remuneratiebeleid en de individuele remuneratie van Bestuurders en leden van het Executive Management. De taken en werking van het Benoemingsen Remuneratiecomité worden in extenso beschreven in hoofdstuk 5.2 van het Corporate Governance Charter.

Het Benoemings- en Remuneratiecomité bestaat uitsluitend uit niet-uitvoerende bestuurders.

Het Comité bestaat sinds 12 mei 2015 uit drie niet-uitvoerende bestuurders: de heer J. Cornu, Voorzitter, de heer M. Akkermans en mevrouw V. Reding. Twee ervan zijn onafhankelijke bestuurders. Het Comité had drie zittingen in 2015 en onder meer de volgende agendapunten werden behandeld: samenstelling van de Raad van Bestuur en de Comités, het remuneratiebeleid, prestaties

en remuneratie van het Executive Management en Senior Executives,

pensioenverplichtingen en de opstelling van het Remuneratieverslag. Aanwezigheid op de vergaderingen van de Raad van Bestuur en de Comités

Raad AC BRC
Dhr. Julien De Wilde (1) 8/8 4/5 2/2
Dhr. Christian Reinaudo 8/8
Dhr. Michel Akkermans 6/8 3/3
Dhr. Jo Cornu (2) 7/8 2/2 2/3
Dhr. Willy Duron (3) 8/8 5/5 2/2
Dhr. Christian Leysen (4) 4/4 2/2
Mevr. Viviane Reding (5) 5/5 1/1
Mevr. Hilde Laga (6) 5/5 3/3

(1) Lid van het BRC tot 11 mei 2015.

(2) Lid van het AC tot 11 mei 2015.

(3) Lid van het BRC tot 11 mei 2015.

(4) Bestuurder en Lid van het BRC tot 11 mei 2015.

(5) Bestuurder en Lid van het BRC sinds 12 mei 2015. (6) Bestuurder en Lid van het AC sinds 12 mei 2015.

Management van de Vennootschap

CEO en Executive Committee (Exco)

Het uitvoerend management van de Vennootschap werd toevertrouwd aan een gedelegeerd bestuurder/CEO, CRBA Management BVBA, met als vaste vertegenwoordiger de heer Christian Reinaudo, die wordt bijgestaan door een Exco. Samen vormen zij het Executive Management.

De CEO is belast met de uitvoering van het ondernemingsbeleid en de strategie bepaald door de Raad van Bestuur. Hij ontving bijgevolg de meest uitgebreide bevoegdheden inzake dagelijks bestuur en een aantal specifieke bijzondere volmachten. Deze bevoegdheden zijn in extenso opgenomen in het Corporate Governance Charter.

De CEO brengt regelmatig verslag uit over zijn werkzaamheden en over de evolutie van de dochtervennootschappen en van de deelnemingen, om de Raad van Bestuur de mogelijkheid te geven hierop controle uit te oefenen.

Sinds 29 februari 2012 is het Exco samengesteld als volgt:

  • Dhr. Kris Hoornaert, Chief Financial Officer,
  • Dhr. Stefaan Vanhooren, President Agfa Graphics,
  • Dhr. Luc Delagaye, President Agfa Materials,
  • Dhr. Luc Thijs, President Agfa HealthCare.

Interne controle- en risicobeheerssystemen met betrekking tot financiële rapportering

Agfa's Executive Management is verantwoordelijk voor de interne controle- en risicosystemen van de Groep, inclusief die met betrekking tot financiële rapportering, zoals goedgekeurd door de Raad van Bestuur. De interne controle op de financiële rapportering behelst de beoordeling van de relevante risico's en de identificatie van en het toezicht op kerncontroles en acties die genomen worden ter correctie van gebreken wanneer die geïdentificeerd worden. Het Auditcomité beoordeelt de effectiviteit van de systemen voor interne controle en risicobeheer.

Controleomgeving

Agfa's controleomgeving bestaat uit centrale finance-functies zoals consolidatie en rapportering, belastingen, treasury en investor relations enerzijds en uit finance-functies op het niveau van de drie businessgroepen anderzijds.

Alle finance-functies rapporteren (on)rechtstreeks aan de Chief Financial Officer.

Alle Groepsentiteiten volgen de uniforme centrale boekhoudkundige regels en rapporteringsvereisten die zijn beschreven in Agfa's 'Group Consolidation Accounting Manual'.

Risicobeheer

Gebaseerd op maandelijkse beoordelingsvergaderingen met de centrale functies en met het management van de businessgroepen, heeft het Executive Management een proces in gebruik om op regelmatige basis de risico's, inclusief de risico's m.b.t. het financiële rapporteringsproces, te identificeren, beoordelen en op te volgen. Het rapporteert aan het Auditcomité over deze risico's. Deze risico's worden geëvalueerd door het Auditcomité, dat verdere acties kan definiëren voor het Executive Management.

Controleactiviteiten

Elke businessgroep is verantwoordelijk voor het controleren van de financiële prestaties en verwachtingen.

Elke businessgroep rapporteert maandelijks aan het Executive

Management. Het consolidatieproces, gebaseerd op meer uitgebreide rapportering, wordt elk kwartaal uitgevoerd.

Het wordt beoordeeld door het Executive Management en het Auditcomité, die acties kunnen definiëren voor de businessgroepen en de centrale functies.

Informatie en communicatie

Alle entiteiten gebruiken uniforme centrale rapporteringstools en rapporteren in overeenstemming met de instructies en de rapporteringsrichtlijnen opgesteld door de centrale rapporteringsafdeling. Financiële informatie (inclusief 'key performance indicators') wordt op een consistente basis voorbereid voor elke businessgroep en op het geconsolideerde niveau. Ze wordt gecontroleerd door de aangewezen verantwoordelijke. Het Executive Management rapporteert regelmatig aan het Auditcomité over alle 'key risk factors'.

Toezicht

Een van de verantwoordelijkheden van de afdeling Corporate Controlling en Accounting is de verbetering van de procedures die gebruikt worden voor de voorbereiding en verwerking van financiële informatie. Er worden regelmatig controles uitgevoerd op de belangrijkste controleprocedures in de voorbereiding van financiële informatie in de dochterondernemingen en op Groepsniveau om te verzekeren dat de instructies en richtlijnen over financiële rapportering correct worden toegepast. Interne Audit ziet toe op de controle van interne beleidslijnen, richtlijnen en controles m.b.t. financiële rapportering en operationele aspecten, zoals verkoop, productie en O&O. Interne Audit rapporteert aan het Auditcomité, dat toeziet op de doeltreffendheid. De Secretaris van de Vennootschap werd benoemd tot compliance officer om de naleving te controleren van de beleidslijnen van de Vennootschap inzake de voorkoming van handel met voorkennis en marktmanipulatie door de Bestuurders en andere welbepaalde personen.

Beschrijving van de risicofactoren

Risico's in verband met markt, technologie en concurrentie

Zoals elke onderneming wordt Agfa geconfronteerd met markt- en concurrentierisico's. De traditionele beeldvormingsactiviteiten in zowel Graphics als HealthCare hebben af te rekenen met snelle technologische veranderingen. Ze werden in het verleden ook gekenmerkt door prijserosie.

De economische crisis heeft, net zoals voor onze concurrenten, ook gevolgen voor de vraag naar onze producten. Dit is in de eerste plaats het geval voor investeringsgoederen. Maar voor Agfa Graphics en Agfa Specialty Products heeft de crisis ook een negatieve invloed op de vraag naar verbruiksgoederen.

Voorts introduceert Agfa ook een groot aantal nieuwe technologieën, zoals industriële inkjetsystemen in Graphics en systemen voor computed radiography en direct radiography en informatiesystemen in HealthCare. De markt voor digitale beeldvorming en informatietechnologie waarin Agfa meer en meer actief is, is uiterst competitief en onderhevig aan snelle veranderingen.

Grondstofkosten

Agfa doet een beroep op andere ondernemingen voor de levering van bepaalde basisgrondstoffen. De belangrijkste grondstoffen zijn aluminium en zilver.

Wijzigingen in de grondstofprijzen en het niet tijdig ontvangen van de nodige grondstoffen zouden Agfa's bedrijfsvoering, bedrijfsresultaten en financiële toestand negatief kunnen beïnvloeden. Voorts kan Agfa ervoor opteren om een deel of het geheel van zijn afhankelijkheid van de grondstofprijzen in te dekken, wanneer het dit opportuun acht.

Productaansprakelijkheid

De activiteiten van de Groep kunnen Agfa blootstellen aan vorderingen voor productaansprakelijkheid. Vooral op het vlak van de HealthCare-activiteiten volgt Agfa verscheidene regulatorische systemen in verschillende landen. Om het risico van vorderingen in verband met productaansprakelijkheid te beperken, heeft Agfa een strikt beleid op het vlak van kwaliteit en kwaliteitscontrole ingevoerd en heeft het een algemene verzekeringspolis afgesloten. Agfa heeft nooit aanzienlijke verliezen geleden met betrekking tot vorderingen op het vlak van productaansprakelijkheid, maar er kan geen zekerheid bestaan dat dit in de toekomst nooit zal voorvallen.

Milieu

Agfa is onderworpen aan verscheidene milieuvereisten in de verschillende landen waarin het actief is, inclusief de vereisten in verband met luchtverontreiniging, lozing van afvalwater, beheer van gevaarlijke stoffen, het voorkomen van het lekken van stoffen en sanering. Agfa doet aanzienlijke bedrijfs- en kapitaaluitgaven om de toepasselijke normen te respecteren. Huidige en redelijkerwijze te voorziene kosten voor het naleven van wettelijke voorschriften en voor sanering zijn gedekt.

Intellectuele eigendom

Agfa bezit, heeft aanvragen in behandeling voor en heeft licenties voor tal van patenten die betrekking hebben op een veelheid van producten en softwaresystemen.

De onderneming vertrouwt op een combinatie van octrooi-, auteursen merkenrecht en de wetten op handelsmerken en geheimen, vertrouwelijkheidsprocedures, handelsgeheimen, contractuele bepalingen en licentieregelingen om de eigendomsrechten vast te leggen en te beschermen.

Anderzijds voert de Groep een beleid dat erop gericht is de intellectuele eigendomsrechten van derden strikt te respecteren. Hoewel Agfa er zich niet van bewust is dat er producten de intellectuele eigendomsrechten van anderen schenden, is het niet uitgesloten dat derden in de toekomst zulke inbreuken niet kunnen claimen.

Geschillen

Agfa is momenteel niet betrokken in enig belangrijk geschil, met uitzondering van de geschillen in verband met de insolventie van AgfaPhoto. Deze geschillen worden in detail behandeld in toelichting 25.2 en 25.3 p.133 en 134 en toelichting 29.2 p.135 en 136 bij de geconsolideerde jaarrekening.

Varia

Verder zijn er risico's die een negatieve invloed op de onderneming en haar activiteiten kunnen hebben en waarmee dus rekening moet worden gehouden. Voorbeelden hiervan zijn onder meer risico's in verband met de continuïteit van de productie, bijzondere waardeverminderingen op vaste activa, pensioenverplichtingen, wisselkoersschommelingen en overnames.

Evaluatie van de Raad van Bestuur en zijn Comités

De voornaamste elementen en kenmerken van het evaluatieproces voor de Raad van Bestuur en de Comités betreffen de beoordeling van de wijze waarop de Raad van Bestuur en de Comités werken, het nagaan of belangrijke onderwerpen grondig worden voorbereid en besproken, de beoordeling van de werkelijke bijdrage van elke bestuurder en zijn betrokkenheid bij de bespreking en besluitvorming. Het volledige evaluatieproces wordt in extenso uiteengezet in de hoofdstukken 3, 4 en 5 van het eerder vermelde Corporate Governance Charter.

De laatste formele evaluatie vond plaats in 2013, waarbij er op initiatief van de Voorzitter van de Raad van Bestuur en in samenwerking met de Voorzitter van het Benoemings- en Remuneratiecomité een intern evaluatieproces werd opgestart. Hierbij werden er contacten gelegd met de leden van de Raad van Bestuur en van het Executive Management om enerzijds de werking van de Raad en het Executive Management (zowel als college als individueel) en anderzijds de samenwerking en de relatie tussen beide colleges te evalueren.

De criteria die in overweging genomen werden tijdens de evaluatie betroffen zowel de omvang, de samenstelling en de performantie van de Raad van Bestuur en de Comités als de kwaliteit van de interactie tussen Raad van Bestuur en Executive Management. De resultaten werden enerzijds bepaald op basis van de antwoorden die gegeven werden op een vragenlijst (bestaande uit een zeventigtal vragen onderverdeeld in een tiental hoofdstukken), en anderzijds de feedback die gegeven werd tijdens individuele gesprekken.

In de jaren dat er geen formele evaluatie plaatsvindt, informeert de Voorzitter van de Raad van Bestuur zich op regelmatige tijdstippen informeel bij de leden van de Raad van Bestuur en van het Executive Management over het functioneren van de verschillende organen.

Beleid inzake genderdiversiteit

De Raad van Bestuur heeft kennis genomen van de Belgische wet van 28 juli 2011 met betrekking tot genderdiversiteit op niveau van de Raad van Bestuur. Door de aanstellingen van Hilde Laga en Viviane Reding als bestuurders sinds 12 mei 2015 voldoet de Vennootschap aan deze wettelijke verplichtingen.

Beleid inzake de besteding van het resultaat

De voorstellen van de Raad van Bestuur aan de Algemene Aandeelhoudersvergadering met betrekking tot de besteding en verdeling van het resultaat houden rekening met verscheidene factoren, zoals de financiële situatie van de Vennootschap, de resultaten uit bedrijfsactiviteiten, de huidige en verwachte kasstromen en de expansieplannen.

Beleid inzake effectenhandel in aandelen van de Vennootschap

Agfa-Gevaert stelde onmiddellijk na de beursgang in 1999, overeenkomstig haar principes en waarden, een Verhandelingscode (Code of Dealing) op. Die Code bevat de regels die door de bestuurders en het senior management moeten worden nageleefd in het geval zij financiële instrumenten van de Vennootschap willen verhandelen. De Code verbiedt voormelde personen o.m. om te handelen gedurende welomschreven periodes voor de bekendmaking van haar financiële resultaten en voor de bekendmaking van andere koersgevoelige informatie.

Agfa-Gevaert heeft in het licht van de Wet van 2 augustus 2002 en het KB van 5 maart 2006 betreffende marktmisbruik, de voormelde Code aangepast om ze in overeenstemming te brengen met de huidige wettelijke reglementering terzake. De aangepaste versie van de Code bevindt zich op de website en op het intranet van de Vennootschap als onderdeel van het Corporate Governance Charter.

Belangrijke gebeurtenissen die na 31 december 2015 hebben plaatsgevonden en inlichtingen over de omstandigheden die de ontwikkeling van de Groep aanmerkelijk kunnen beïnvloeden

Dergelijke gebeurtenissen hebben zich niet voorgedaan.

Informatie over de onderzoek- en ontwikkelingsactiviteiten

Zie hoofdstuk Innovatie van p. 20 tot p. 23.

Informatie over het bestaan van bijkantoren van de Vennootschap

Agfa-Gevaert NV heeft een bijhuis in het Verenigd Koninkrijk (Agfa Materials UK).

Informatie over het gebruik van afgeleide financiële instrumenten

Om het risico van de wisselkoersen en de interestwijzigingen te minimaliseren worden passende dekkingscontracten ingezet.

Daartoe behoren voornamelijk termijnverrichtingen in vreemde munten, optiecontracten en interestswaps.

Het inzetten ervan gebeurt volgens uniforme richtlijnen, is onderworpen aan interne controles en blijft beperkt tot het indekken van de operationele activiteiten en de daarmee verbonden geldbeleggingen en financiële transacties. Meer informatie hierover is te vinden in de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening.

Commissaris

De commissaris van Agfa-Gevaert NV is KPMG

Bedrijfsrevisoren, vertegenwoordigd door de heer Filip De Bock. De commissaris werd op de Jaarvergadering van 14 mei 2013 herbenoemd voor een periode van drie jaar. Zijn mandaat zal ten einde lopen onmiddellijk na de Jaarvergadering van 10 mei 2016.

Aan de aandeelhouders zal op deze Jaarvergadering worden voorgesteld KPMG Bedrijfsrevisoren, vertegenwoordigd door de heer Harry Van Donink, als commissaris te benoemen voor een termijn van drie jaar.

De honoraria in verband met diensten geleverd door KPMG Bedrijfsrevisoren bedroegen in 2015 wereldwijd 2.491.057 euro. Hiervan heeft 1.721.827 euro betrekking op audithonoraria voor het nazicht van de jaarrekeningen, 100.311euro op andere controleopdrachten, 185.771 euro op prestaties in verband met belastingen en 483.148 voor andere prestaties buiten de opdrachten als revisor.

Informatie over belangrijke deelnemingen

Op grond van de informatie waarover de Vennootschap beschikt ingevolge transparantieverklaringen die overeenkomstig de wettelijke en statutaire bepalingen ter zake werden ontvangen, zijn de belangrijkste aandeelhouders op datum van dit jaarverslag:

  • • Classic Fund Management AG met tussen 5% en 10% van de uitstaande aandelen sinds 1 september 2008;
  • • Dimensional Fund Advisors LP met tussen 3% en 5% van de uitstaande aandelen sinds 5 september 2011.
  • • Norges Bank met tussen 3% en 5% van de uitstaande aandelen sinds 4 januari 2016.

Aangezien de Vennootschap momenteel in het bezit is van 2,39% eigen aandelen, ligt de free float momenteel tussen 77,61% en 86,61%.

Informatie over de invoering van de EU-overnamerichtlijn

De Raad van Bestuur verklaart hierbij dat het Jaarverslag is opgesteld in overeenstemming met artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007. In verband hiermee licht de Raad van Bestuur het volgende toe:

  • Een volledig overzicht van de kapitaalstructuur op datum van 15 maart 2016 is opgenomen in het Jaarlijks Financieel Verslag;
  • Er zijn geen statutaire beperkingen, noch op de overdracht van effecten van de Vennootschap, noch op de uitoefening van het stemrecht;
  • Er zijn geen speciale rechten verbonden aan de uitgegeven aandelen van de Vennootschap;
  • De Vennootschap heeft bepaalde financiële overeenkomsten gesloten die effectief kunnen worden, kunnen worden gewijzigd en/of worden beëindigd door verandering in de zeggenschap over de onderneming door een openbaar overnamebod;
  • Er zijn bij de Vennootschap geen aandeelhoudersovereenkomsten bekend die aanleiding kunnen geven tot beperking van de overdacht van effecten en/of van de uitoefening van het stemrecht;
  • De regels voor de benoeming en vervanging van de leden van de Raad van Bestuur en voor de wijziging van de statuten van de Vennootschap zijn in extenso beschreven in de statuten en in het Corporate Governance Charter van de Vennootschap. Beide zijn te vinden op de Investors Relations pagina van de website www.agfa.com;
  • De bevoegdheden van de Raad van Bestuur inzake uitgifte en inkoop van aandelen zijn in extenso omschreven in de artikels 7 en 14 van de statuten van de Vennootschap;
  • Alle belangrijke overeenkomsten afgesloten sinds de datum van bovenvermeld Koninklijk Besluit, waarbij de Vennootschap partij is en die een 'change-of-control'-clausule bevatten, werden ter goedkeuring voorgelegd tijdens de respectieve jaarvergaderingen;
  • De overeenkomsten met de leden van het Executive Management bevatten niet langer een 'change-of-control'-clausule waarbij zij een vergoeding zouden ontvangen in geval zij hun overeenkomst met de Vennootschap zouden beëindigen ten gevolge van een wijziging van de controle over de Vennootschap.

Algemene bedrijfsinformatie

Agfa-Gevaert NV (Ondernemingsnummer 0404.021.727, Rechtspersonenregister Antwerpen) is een naamloze vennootschap naar Belgisch recht die een publiek beroep op het spaarwezen heeft gedaan, opgericht op 10 juni 1964. De maatschappelijke zetel van de Vennootschap is gevestigd in de Septestraat 27, 2640 Mortsel, België.

De volledige en becommentarieerde financiële gegevens zijn beschikbaar op de website, www.agfa.com, of verkrijgbaar bij de Vennootschap. Informatie met betrekking tot de milieuaspecten is terug te vinden in het Duurzaamheidsverslag van de Groep dat in dit jaarverslag is opgenomen.

Beschikbaarheid van informatie

De statuten van de Vennootschap liggen ter inzage bij de Griffie van de Rechtbank van Koophandel van Antwerpen (België) en op de maatschappelijke zetel. Ze zijn ook terug te vinden op de website, www.agfa.com.

Het Corporate Governance Charter en de Verhandelingscode (Code of Dealing) kunnen worden geraadpleegd op de Investor Relationspagina's van de website, www.agfa.com. De jaarrekeningen worden neergelegd bij de Nationale Bank van België.

De jaarrekeningen worden elk jaar, samen met de bijbehorende verslagen, toegezonden aan de aandeelhouders op naam en een ieder die erom verzoekt.

Het Jaarverslag, de statutaire en geconsolideerde jaarrekening, inclusief het verslag van de commissaris, zijn consulteerbaar op de website www.agfa.com en kunnen worden ingezien op de maatschappelijke zetel.

De oproeping voor de Algemene Aandeelhoudersvergaderingen wordt gepubliceerd in de financiële pers en is tevens beschikbaar op de website. Inzake financiële berichtgeving worden de financiële resultaten en de overige verplichte informatie gepubliceerd op de website van de Vennootschap, in overeenstemming met de richtlijnen van de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA).

De besluiten betreffende de benoeming en het ontslag van de leden van de Raad van Bestuur worden bekendgemaakt in de Bijlagen tot het Belgisch Staatsblad.

Iedere geïnteresseerde kan zich gratis registreren op www.agfa.com om de persberichten en de verplichte financiële informatie per e-mail te ontvangen.

Het Jaarverslag is op de website, www.agfa.com, beschikbaar in het Nederlands en het Engels.

Remuneratie- verslag

13

Het Benoemings- en RemuneratieComité (BRC) komt minimum drie keer per jaar samen om onder meer voorstellen aan de Raad van Bestuur uit te werken over het remuneratiebeleid en -niveau voor Bestuurders en leden van het Executive Management.

13

De remuneratiecriteria beogen het aantrekken, behouden en motiveren van Bestuurders en leden van het Executive Management die voldoen aan het profiel bepaald door de Raad van Bestuur. De remuneratie van de niet-uitvoerende Bestuurders houdt rekening met hun algemene rol van lid van de Raad van Bestuur en met specifieke rollen als Voorzitter van de Raad van Bestuur, Voorzitter of lid van een Comité van de Raad van Bestuur, evenals hun verantwoordelijkheden en tijdsbesteding die daaruit voortvloeien.

Het BRC bepaalt het niveau en de structuur van de remuneratie van de leden van het Executive Management in functie van het aantrekken, behouden en motiveren van gekwalificeerde en deskundige professionelen, rekening houdend met de aard en draagwijdte van hun individuele verantwoordelijkheden.

Remuneratiebeleid

Als algemeen uitgangspunt voor haar remuneratiebeleid voor management gebruikt Agfa een 'marktprijs' die gebaseerd is op de vergelijking tussen het jaarlijks 'Total Target Cash' salaris en de '67ste percentiel van de Algemene Markt'.

'Total Target Cash' is de som van het jaarlijks basissalaris, andere vaste vergoedingen, het 'Global Bonus Plan', verkoopscommissies en andere variabele vergoedingen.

De '67ste percentiel van de Algemene Markt' komt doorgaans overeen met het midpoint (50ste percentiel) van de twee industrietakken waarin Agfa actief is: de chemie en de IT.

Om de individuele positionering te meten ten aanzien van de Algemene Markt, gebruikt Agfa de CompaRatio, zijnde het percentage dat men bekomt indien men het huidige salarispakket deelt door de marktprijs.

Deze positionering laat Agfa toe om:

a. dezelfde globale strategie toe te passen in alle landen; b. talent aan te trekken en te behouden door differentiatie van de positionering ten aanzien van het midpoint van de markt;

c. de kosten te beheersen en;

d. voordeel te halen uit een globale visie op de markt, die niet beperkt is tot enkele vennootschappen. Enkel in uitzonderlijke omstandigheden en met inachtname van de interne procedures, kan een andere positionering worden toegelaten.

Om duidelijke informatie te hebben over de markt, gebruikt Agfa zowel de functie-evaluatiemethode als de globale salarisoverzichten van Hay. Na en naast zijn globale positionering op het 67ste percentiel van de Algemene Markt, wil Agfa:

  • in de 'Total Target Cash' een variabel deel opnemen dat stijgt naargelang de hiërarchische positie en dat zich minstens bevindt op het derde kwartiel van de Algemene Markt voor algemene managementfuncties (Global Bonus Plan);
  • zijn beleid vergelijken met het midpoint van de Algemene Markt voor andere componenten zoals pensioenuitkeringen, uitkeringen aan nabestaanden, uitkeringen voor medische kosten en bedrijfswagens.

Het globale budget dat is toegelaten voor loonsverhogingen wordt jaarlijks vastgesteld en is gebaseerd op verschillende elementen:

  • de globale en lokale financiële situatie van de Vennootschap (kostenbeheersing);
  • de gemiddelde positionering van Agfa's populatie ten opzichte van de lokale markt. Om de individuele positionering te meten ten opzichte van de markt, gebruikt Agfa de CompaRatio's;
  • de markttrends in elk land (en in sommige gevallen zelfs in deelgebieden);
  • de wettelijke verplichtingen;
  • het naleven van het loonsverhogingsbudget dat werd toegekend in de vorige ja(a)r(en).

Agfa gelooft in 'Betalen voor Prestaties'. Bijgevolg wordt de evolutie van de verloning gebaseerd op de volgende criteria:

  • de algemene prestatiebeoordeling;
  • de mate waarin de competenties en vaardigheden van een werknemer kritisch zijn voor de organisatie;
  • conformiteit met de markt: interne en externe billijkheid;
  • beschikbaar budget;
  • historiek van de verloning (belangrijke recente verhogingen van het salarispakket/promoties).

Variabilisering. De 'Total Target Cash' dient in lijn te zijn met Agfa's globaal beleid, en interne en externe billijkheid in een langetermijnvisie. 'Variabele' verloning geeft de collectieve en individuele prestatie weer:

  • collectief: door de financiële resultaten van de Agfa-Gevaert Groep, businessgroep of regio in vergelijking met de doelstellingen;
  • individueel: door de prestatiebeoordeling.

De leden van het Executive Management komen in aanmerking voor het 'Executive Management Global Bonus Plan'. Dit plan is gebaseerd op drie fases:

  • de 'on target' variabele vergoeding als startpunt;
  • vastleggen van het Globaal Budget (funding ratio);
  • allocatie tussen 'Groepsprestatie' en 'Individuele Prestatie'.

Variabele vergoeding 'on target': de variabele vergoeding 'on target' is een onderdeel van de individuele contracten die onderhandeld worden met de leden van het Executive Management. Het remuneratiebeleid van de vennootschap voorziet dat de variabele vergoeding 'on target' bij aanwerving van een lid van het Executive Management doorgaans minstens 40% van hun jaarlijks basissalaris uitmaakt.

Vastleggen van het Globaal Budget: een globale bonusenveloppe (of 'funding ratio') wordt vastgelegd op het niveau van de Agfa-Gevaert Groep. De 'bonus funding ratio' bepaalt het deel van de totale-on-target-bonus dat zal worden uitbetaald. De bonusenveloppe wordt verdeeld tussen de businessgroepen op basis van een gewogen multiplicator. De bonusenveloppe is een gesloten enveloppe. Dit betekent dat uitbetaling nooit hoger kan zijn dan de 200% die zal worden uitbetaald wanneer de uiteindelijke EBITDA-resultaten minstens 150% bedragen van de gebudgetteerde EBITDA.

De berekening van de globale bonusenveloppe gebeurt volgens onderstaand schema:

EBITDA (resultaten vs budget) Uitbetaling
131% - 150% Versneld 131% - 200%
(maximum cap)
Tussen 100% en 130% Lineair van 100% tot 130%
Tussen 70% en 100% Lineair van 70% tot 100%
< 70% 0% (1)

(1) In de gevallen waar de bonusenveloppe 0 zou bedragen, kan de Raad van Bestuur nog steeds beslissen om uitzonderlijk (individuele) prestaties te belonen.

Het huidige Global Bonus Plan voor het Executive Management voorziet dat de uitbetaling gesplitst wordt in twee delen:

• Voor 80% van het 'on target variabel' van de leden van het Executive Management reflecteert de uitbetaling de vergelijking van de prestatie met een aantal financiële doelstellingen zoals bepaald door de Raad van Bestuur (met een maximum van 200%*80% indien de uiteindelijke EBITDA-resultaten minstens 150% bedragen van de gebudgetteerde EBITDA). Voor de Presidenten van Graphics en HealthCare zal er bovendien een businessgroepmultiplicator worden toegepast die gebaseerd is op de prestaties van de businessgroep in vergelijking met haar gebudgetteerde doelstellingen.

De parameters die in aanmerking worden genomen om deze businessgroepprestatie vast te stellen in vergelijking met het budget zijn

  • a. EBITDA/Verkoop% (gewicht 50%),
  • b. Omzet (gewicht 30%) en

c. het Gemiddeld Nettowerkkapitaal van de 4 kwartalen/Verkoop% (gewicht 20%).

De maximale businessgroepmultiplicator is 1,5 en de minimale 0,5 maar de businessgroepmultiplicator wordt dusdanig gecorrigeerd dat hij samen nooit hoger kan zijn dan 1 (om te garanderen dat de uitbetaling steeds binnen de perken blijft van de globale bonusenveloppe). Voor Materials, Specialty Products, de Global Shared Services en het Corporate Center is er geen businessgroepmultiplicator (en bijgevolg is deze op 1 gezet).

• Voor 20% van het 'on target variabel' van de leden van het Executive Management geeft de uitbetaling de beoordeling weer – door de Raad van Bestuur – van een aantal Individuele Prestatiedoelstellingen die elk jaar worden bepaald voor de verschillende leden van het Executive Management. Voor deze Individuele Prestatiedoelstellingen is de maximale uitbetaling vastgesteld op 100%.

Hieruit volgt dat de maximale uitbetaling voor leden van het Executive Management beperkt is tot [(200%*80%) + (100%*20%)] of 180% van hun 'on target variabel'.

De Raad van Bestuur heeft, op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité, beslist om het Global Bonus Plan van het Executive Management te herzien, met de bedoeling om ook een midden- tot langetermijn component op te nemen in dat plan. De Raad van Bestuur is van mening dat dit een belangrijke wijziging zal uitmaken van het remuneratiebeleid voor de leden van het Executive Management.

Het nieuwe Global Bonus Plan voor het Executive Management bestaat uit vier elementen:

• Een 3-jaarlijkse doelstelling die zal worden toegepast voor 25% van de on-target bonus. De 3-jaarlijkse parameter voor 2017 is een combinatie van de omzet en het EBITDA/Verkoop%. Beide elementen zijn gelijkwaardig en worden dus elk toegepast voor 12,5% van de on-target bonus. Voor beide elementen werd een ondergrens (waaronder de uitbetaling 0 is) en een bovengrens (vanaf dewelke de maximale uitbetaling van 200% wordt bereikt) bepaald. Er wordt een lineaire benadering toegepast tussen de onder- en bovengrens.

  • Een 2-jaarlijkse doelstelling die eveneens zal worden toegepast voor 25% van de on-target bonus. De 2-jaarlijkse parameter voor 2016 is het EBITDA/Verkoop%. Een ondergrens (waaronder de uitbetaling 0 is) en een bovengrens (vanaf dewelke de maximale uitbetaling van 200% wordt bereikt) werden bepaald. Er wordt een lineaire benadering toegepast tussen de onder- en bovengrens.
  • Een 1-jaarlijkse collectieve prestatiedoelstelling zal worden toegepast voor 40% van de on-target bonus. De 1-jaarlijkse parameter is de EBITDA. Een ondergrens (waaronder de uitbetaling 0 is) en een bovengrens (vanaf dewelke de maximale uitbetaling van 200% wordt bereikt) werden bepaald. De uitbetaling is lineair tussen de ondergrens en 130% van de target. Vanaf 131% van de target tot de bovengrens, gebeurt de uitbetaling versneld.
  • Jaarlijkse individuele prestatiedoelstellingen die zullen worden toegepast voor 10% van de on-target bonus. De individuele prestatiedoelstellingen kunnen maximaal voor 100% worden gerealiseerd.

Aangezien de prestaties met betrekking tot de doelstellingen voor de jaren 2016 en 2017 pas later zullen gekend zijn, zal een geleidelijke overgang tussen het huidige systeem en het nieuwe systeem toegepast worden. Deze geleidelijke overgang impliceert dat voor het prestatiejaar 2016, de 1-jaarlijkse componenten van het plan nog steeds 75% van het totale plan zullen uitmaken in plaats van 50%. Vanaf het prestatiejaar 2017 zal de 40/10/25/25-toewijzing volledig toegepast worden.

Vergoedingen

Raad van Bestuur

Er is geen automatische aanpassing van de vergoedingen voorzien, doch ze worden regelmatig herbekeken om na te gaan of ze nog conform zijn aan het beleid. De laatste aanpassing voor de leden van de Raad van Bestuur dateert van de Jaarvergadering van 2006. De vergoeding van de Voorzitter werd vastgelegd bij zijn benoeming in 2008.

Er wordt een vaste jaarlijkse standaardvergoeding voorzien die verschilt voor de vergaderingen van de Raad van Bestuur enerzijds en de vergaderingen van de Comités anderzijds. Tevens wordt er een onderscheid gemaakt tussen de vergoeding van de Voorzitter en deze van de leden. Deze vergoeding dekt een vooraf bepaald

aantal vergaderingen. Bij overschrijding op individuele basis wordt er in een bijkomende vergoeding per bijkomende vergadering voorzien.

Volgende jaarlijkse vaste standaardvergoedingen worden voorzien:

Raad van Bestuur
(voor maximaal zeven vergaderingen per kalenderjaar)
Voorzitter (1) 180.000 Euro
Leden 50.000 Euro
AC (voor maximaal vijf vergaderingen per kalenderjaar)
Voorzitter 25.000 Euro
Leden 12.500 Euro
BRC (voor maximaal drie vergaderingen per kalenderjaar)
Voorzitter 15.000 Euro
Leden 7.500 Euro

(1) Deze vergoeding is allesomvattend. Ze omvat dus ook de vergoeding voor het mandaat in het BRC en het AC alsook eventuele bijkomende vaste vergoedingen zoals van toepassing bij overschrijding van het maximum aantal vergaderingen.

Bijkomende vaste vergoeding

van 2.500 euro voor elke vergadering bovenop het maximale aantal van zeven, vijf of drie per kalenderjaar, afhankelijk of het de vaste vergoeding voor de Raad van Bestuur, het AC of BRC betreft.

Prestatiegebonden remuneratie

De niet-uitvoerende bestuurders ontvangen geen prestatiegebonden remuneratie.

De jaarlijkse individuele remuneratie toegekend aan de leden van de Raad van Bestuur (zowel uitvoerende als niet-uitvoerende) voor de uitoefening van hun mandaat in 2015 is als volgt:

EURO Raad van
Bestuur
Commités TOTAAL
Dhr. Michel Akkermans (1) 50.000,00 7.500,00 57.500,00
Dhr. Jo Cornu (2) 50.000,00 14.167,00 64.167,00
Dhr. Julien De Wilde 180.000,00 - 180.000,00
Dhr. Willy Duron 52.500,00 27.500,00 80.000,00
Mevr. Hilde Laga 33.333,00 8.333,00 41.666,00
Dhr. Christian Leysen 16.667,00 5.000,00 21.667,00
Mevr. Viviane Reding 33.333,00 5.000,00 38.333,00
Dhr. Christian Reinaudo (3) 52.500,00 - 52.500,00
TOTAAL 468.333,00 67.500,00 535.833,00

(1) Vaste vertegenwoordiger voor PAMICA NV.

(2) Vaste vertegenwoordiger voor MERCODI BVBA.

(3) Uitvoerend bestuurder en vaste vertegenwoordiger voor CRBA Management BVBA.

CEO

De Raad van Bestuur heeft na de Jaarvergadering van 27 april 2010 CRBA Management BVBA, vertegenwoordigd door de heer Christian Reinaudo, aangesteld als Gedelegeerd Bestuurder/CEO. De overeenkomst met CRBA Management BVBA voorziet geen automatische aanpassing. Deze vergoeding wordt regelmatig herbekeken om na te gaan of ze nog conform is aan het beleid. De vaste jaarlijkse vergoeding van de CEO, CRBA Management BVBA, vertegenwoordigd door de heer Christian Reinaudo, werd vastgelegd op 1.136.800 euro. Deze vergoeding bevat ook bestuurdersvergoedingen van de heer Reinaudo, vanwege mandaten in enkele Agfa-dochtermaatschappijen. Er werd eveneens een jaarlijkse variabele vergoeding 'on target' voorzien van 435.500 euro. De variabele vergoeding is afhankelijk van de volgende parameters:

  • voor 20%: individuele doelstellingen zoals jaarlijks vastgelegd door de Raad van Bestuur;
  • voor 80%: financiële doelstellingen die voor de CEO gebaseerd zijn op de EBITDA-resultaten versus budget ('funding ratio' zoals hierboven uiteengezet).

Voor 2015 bedraagt de CEO-vergoeding:

  • vaste vergoeding: 1.136.800,00 euro (1);
  • variabele vergoeding: 396.741,00 euro;
  • vergoedingen voor vervoer, huur en diverse verzekeringen: 71.184,00 euro.

(1) Incl. vergoedingen uitgekeerd aan de heer Christian Reinaudo voor bestuurdersmandaten in Agfa-entiteiten.

Voor de CEO werden geen pensioen- of groepsverzekeringsbijdragen betaald.

De cash-component van de variabele vergoeding werd volledig verdiend op korte termijn (ten hoogste één jaar). Bijgevolg is er geen prestatiegebonden remuneratie verdiend op lange termijn.

Executive Committee

Er is geen automatische aanpassing van de vergoedingen voorzien, maar deze vergoedingen worden regelmatig herbekeken om na te gaan of ze nog conform zijn aan het beleid.

De globale vaste brutoremuneratie voor het Exco bedroeg 1.614.880,60 euro in 2015 (exclusief patronale sociale bijdragen). De totale jaarlijkse 'on target' variabele vergoeding bedroeg 807.422,00 euro, en bedraagt in de regel 50% van de vaste brutovergoeding en, bijgevolg, ongeveer 25% van de totale jaarlijkse remuneratie.

De uitbetaling van de variabele vergoeding is afhankelijk van de volgende parameters:

  • voor 20%: individuele doelstellingen zoals jaarlijks vastgelegd door de Raad van Bestuur;
  • voor 80%: financiële doelstellingen die voor de CFO en de President Materials gebaseerd zijn op de EBITDA-resultaten versus budget ('funding ratio' zoals hierboven uiteengezet) en die voor de President Graphics en de President HealthCare bovendien afhangen van hun respectieve businessgroep-parameters (zoals hierboven uiteengezet).

Voor 2015 bedraagt de globale variabele vergoeding 745.411,00 euro (exclusief patronale sociale bijdragen). Voor de leden van het Exco wordt deze vergoeding gedeeltelijk, afhankelijk van hun persoonlijke situatie, omgezet in een pensioenpremie.

Voor deze leden werden pensioenbijdragen betaald voor een bedrag van 318.977,00 euro en 55.144,00 euro onder de vorm van voordelen in natura.

De cashcomponent van de variabele vergoeding werd volledig verdiend op korte termijn (ten hoogste één jaar). Bijgevolg is er geen prestatiegebonden remuneratie verdiend op lange termijn. De voordelen in natura, die kunnen verschillen van lid tot lid, omvatten: een bedrijfswagen, een representatievergoeding en diverse verzekeringen (bestuurdersaansprakelijkheid, reisbijstand, hospitalisatie, privéongevallen).

Er werden in 2015 geen opzegvergoedingen betaald aan het Executive Management. Er is in de overeenkomsten met de leden van het Executive Management geen contractueel terugvorderingsrecht voorzien van de variabele verloning die wordt toegekend op basis van onjuiste financiële gegevens.

Aandelen en opties

Er werden noch aan de CEO, noch aan de leden van het Exco, aandelen toegekend als onderdeel van hun remuneratie. Voor 2015 heeft de Raad van Bestuur ervoor geopteerd, zoals in vorige jaren, geen opties aan het Executive Management toe te kennen.

Er zijn geen openstaande aandelenopties meer of andere rechten die werden toegekend aan de leden van het Executive Management om aandelen te verwerven.

Tijdens de Jaarvergadering van 2014 hebben de aandeelhouders besloten om het voorstel goed te keuren van de Raad van Bestuur om onder bepaalde voorwaarden de negende tranche van het 'Long Term Incentive Plan' te activeren. Zoals hierboven uiteengezet zijn de belangrijkste parameters van deze tranche dat het een Long Term Incentive Plan is voor in aanmerking komende leden van het Executive Management, kaderleden van niveau I en II en bepaalde andere werknemers, waarbij ongeveer 4.060.000 opties toegekend kunnen worden vanaf het ogenblik dat de slotkoers van de aandelen op Euronext Brussels gedurende de laatste 30 kalenderdagen voorafgaand aan de datum van aanbieding hoger is dan 3,45 euro per aandeel. Aangezien er binnen het BRC een reflectie werd opgestart over de vraag of een aandelenoptieplan nog steeds de best mogelijke vorm van Long Term Incentive Plan is voor de Agfa-Gevaert Groep, heeft de Raad van Bestuur deze negende tranche nog niet geactiveerd, ook al was op in de loop van 2015 voldaan aan alle voorwaarden voor dergelijke activering. Mogelijke alternatieven voor een aandelenoptieplan die worden bestudeerd, zijn 'stock appreciation rights' of 'phantom stock options'.

Verbrekingsvergoeding

De bepalingen in verband met verbreking in de contracten van de verschillende leden van het uitvoerend management, kunnen als volgt samengevat worden:

De Raad van Bestuur kan de benoeming van CRBA Management BVBA, vertegenwoordigd door de heer C. Reinaudo, met onmiddellijke ingang intrekken. In dat geval heeft CRBA Management BVBA recht op een schadevergoeding gelijk aan negen maanden remuneratie. Het bedrag is te berekenen op basis van het vaste inkomen dat CRBA Management BVBA en de heer Christian Reinaudo jaarlijks wereldwijd van de Agfa-Gevaert Groep ontvangen, met uitzondering van enige bestuurdersvergoeding betaald door Agfa-Gevaert NV aan CRBA Management BVBA of aan de heer Reinaudo. Indien er een intrekking van benoeming zou gebeuren op basis van een ernstige fout (vastgesteld en bevestigd via een bepaalde interne procedure van de Raad van Bestuur), is er geen schadevergoeding verschuldigd.

In het geval van een beëindiging van het contract door de Onderneming (en met uitzondering van een ernstige fout), hebben de heren Hoornaert en Thijs recht op een opzegtermijn berekend conform het minimum voorzien in art. 82§5 van de wet van 3 juli 1978 (drie maanden per vijf jaar anciënniteit, met een minimum van 12 maanden voor de heer Hoornaert), gecorrigeerd, in voorkomend geval, in overeenstemming met de voorzieningen van de Wet van 26 december 2013. De heer Vanhooren heeft geen expliciete contractuele verbrekingclausule en valt onder de toepassing van de algemene Belgische wetgeving terzake.

In het geval van een beëindiging van het contract door de Onderneming (en met uitzondering van een ernstige fout), heeft de heer Delagaye recht op een opzegtermijn berekend op basis van een zeker schema, gecorrigeerd, in voorkomend geval, in overeenstemming met de voorzieningen van de Wet van 26 december 2013. Dit schema voorziet in een minimale opzegtermijn van zes maanden en een maximum van 15 maanden bij pensionering.

In de gevallen dat ze zich dienen te houden aan het contractuele niet-concurrentiebeding, hebben de heren Hoornaert, Vanhooren, Delagaye en Thijs bovendien recht op een bijkomende schadevergoeding gelijk aan 75% van de brutoremuneratie voor de 12 maanden van het niet-concurrentiebeding.

Duurzaamheids verslag 14

14

Agfa-Gevaert l Jaarverslag 2015 - 163

Milieu

MILIEU-, VEILIGHEIDS- EN ENERGIEMANAGEMENTSYSTEMEN

MORTSEL

BELGIË

GROEP HQ

AGFA-GEVAERT

DUITSLAND

MÜNCHEN PEISSENBERG PEITING SCHROBENHAUSEN WIESBADEN ENERGIEMANAGEMENTSYSTEMEN Apparatuur Apparatuur Apparatuur, toebehoren Beeldplaten en cassettes Drukplaten

Agfa engageert zich voor het duurzaam beheer van natuurlijke rijkdommen, de veilige uitbating van zijn installaties en de beperking van de ecologische impact van zijn activiteiten en producten. Hiertoe heeft Agfa kwaliteits-, milieu-, energie- en veiligheidsmanagementsystemen geïnstalleerd in overeenstemming met de internationale standaarden ISO 9001, ISO 13485, ISO 14001, ISO 50001 en OHSAS 18001. Op de wereldkaart op de volgende pagina worden de certificaten aangeduid die door de verschillende Agfa-vestigingen werden behaald.

In de loop van 2015 werd de vestiging van Agfa Graphics in Banwol, Zuid-Korea gesloten. De vestiging Mortsel omvat de sites in de Belgische gemeenten Mortsel, Wilrijk, Edegem en Westerlo (Heultje). Alle gegevens in dit duurzaamheidsverslag hebben betrekking op het volledige jaar 2015 voor de vestigingen die op de wereldkaart terug te vinden zijn.

Drukplaten CHINA WUXI (PRINTING) WUXI (IMAGING)

Filmconfectie, apparatuur

ISO 9001 KWALITEIT AGFA GRAPHICS OHSAS 18001 VEILIGHEID ISO 13485 Q MEDISCHE KWALITEIT AGFA HEALTHCARE ISO 50001 (DIN 16001) ENERGIE ISO 14001 MILIEU AGFA SPECIALTY PRODUCTS

Productiegerelateerde milieubescherming Productie van film en synthetisch papier

Alleen de productievestiging in Mortsel produceert polyesterfilm en synthetisch papier. Dragers op basis van andere polymeren worden aangekocht bij externe leveranciers. De filmdrager wordt begoten met emulsielagen. De bereiding van deze emulsies is een afzonderlijk productieproces. Sommige van de chemische componenten van de emulsielagen worden ook geproduceerd in enkele andere productievestigingen. De laatste stap in het filmproductieproces is de confectie (het versnijden in het gewenste formaat) en het verpakken.

Productie van drukplaten en beeldplaten

De basis van de meeste drukplaten is aluminiumplaat die wordt aangekocht bij externe leveranciers. Ze wordt voorbehandeld en begoten in Agfa's plaatproductievestigingen. Op enkele uitzonderingen na bevatten de gegoten lagen geen zilver. De laatste stappen in de productie van drukplaten en beeldplaten zijn – net zoals voor film – confectie en verpakking.

Productie van chemicaliën

Na de belichting van de film of de drukplaat bij de klant, moeten deze chemisch ontwikkeld worden om een beeld te verkrijgen. Een groeiend aandeel van de film wordt met warmte ontwikkeld. In tegenstelling tot de klassieke procédés waarbij gebruik wordt

gemaakt van ontwikkelchemicaliën, wordt een aanzienlijk aandeel van de drukplaten nu in ontwikkelchemievrije baden verwerkt. Agfa Graphics produceert eveneens een assortiment drukvoorbereidingschemicaliën die gebruikt worden tijdens het drukproces.

Productie van inkten

Voor zijn groeimarkt inkjet produceert Agfa Graphics een specifiek gamma van inkten. De productie van deze inkten omvat het bereiden en mengen van ingrediënten, het afvullen en het verpakken.

Productie van apparatuur

De productie van apparatuur omvat ontwerp en assemblage van mechanica, elektronica, optica en software.

Ecologische impact

De ecologische impact van de productieactiviteiten bestaat hoofdzakelijk uit emissies naar lucht en water, het gebruik van grondstoffen en het opwekken en verbruik van energie.

Even belangrijk zijn de veiligheidsaspecten van de activiteiten en de inspanningen om ecologische incidenten en klachten te voorkomen.

Milieu-indicatoren

In overeenstemming met de hierboven aangehaalde overwegingen heeft Agfa de volgende indicatoren gekozen om zijn milieuprestatie te evalueren.

Waterverbruik m³/jaar
Specifiek waterverbruik m³/ton product
Waterverbruik exclusief koelwater m³/jaar
Specifiek waterverbruik exclusief koelwater m³/ton product
Afvalwaterbelasting ton/jaar
Specifieke afvalwaterbelasting ton/ton product
CO2
-emissie naar lucht
ton/jaar
Specifieke CO2
-emissie naar lucht
ton/ton product
NOx
-, SO2
-, VOS-, VAS-emissies naar lucht
ton/jaar
Specifieke NOx
-, SO2
-, VOS-, VAS-emissies naar lucht
ton/ton product
Specifieke VOS-emissies naar lucht ton/ton product
Afvalvolume ton/jaar
Specifiek afvalvolume ton/ton product
Specifiek gevaarlijk afvalvolume ton/ton product
Energieverbruik TeraJoule/jaar
Specifiek energieverbruik GigaJoule/ton product
Milieu-incidenten en klachten aantal

166 - Agfa-Gevaert l Jaarverslag 2015

Samenvatting van de milieuprestaties

Ten opzichte van 2014 daalde het wereldwijde productievolume in gewicht van film, drukplaten en chemicaliën met 13%, terwijl het productievolume aan apparaten in eenheden daalde met 16%. Het globale productievolume in ton daalde daardoor wereldwijd met 13%. Deze dalende trend van de productievolumes weerspiegelt de algemene tendens op de wereldmarkt waarbij analoge, filmgebaseerde oplossingen steeds meer worden vervangen door digitale oplossingen.

Het globale productievolume in m² van de filmfabrieken daalde met ongeveer 9%. Agfa HealthCare's filmproductie daalde met 15%. Ook de globale productie uitgedrukt in m² van drukplaten in Agfa Graphics kende een daling van 7%.

In 2015 daalde het geproduceerde aantal apparaten in Agfa HealthCare met 17%, terwijl in Agfa Graphics de productie van machines daalde met 8%.

Het verbruik van water en energie, het afvalwatervolume, de luchtemissies en het afvalvolume daalden eveneens, maar in mindere mate dan de productievolumes. De oorzaak hiervan is dat deze parameters niet uitsluitend afhankelijk zijn van de productievolumes, maar dat ze – door de daling van deze laatste – meer worden beïnvloed door de personeelsaantallen. De personeelsaantallen volgen niet dezelfde afname als de productievolumes. Het gevolg hiervan is dat alle specifieke milieu-indicatoren een stijgende trend vertonen.

Het specifieke waterverbruik exclusief koelwater steeg met 8,4%. Het specifieke afvalwatervolume met 4,4%. De specifieke vuilvracht in het afvalwater exclusief aluminiumslib steeg met bijna 8%.

Het specifieke energieverbruik steeg globaal met 4%. In de filmfabrieken daalde het specifieke energieverbruik met bijna 5%, terwijl in de vestigingen van Agfa HealthCare en Agfa Graphics het specifieke energieverbruik aanzienlijk steeg.

Op het vlak van luchtemissies stegen de specifieke emissies inclusief en exclusief CO2 . De VOS-emissies in de drukplaten- en inktenfabricage bleven quasi constant, terwijl ze in de filmfabrieken de dalende productie volgden.

De specifieke afvalvolumes stegen met 11,6%. In de filmfabrieken stegen ze aanzienlijk door een verhoogde hoeveelheid niet-recycleerbaar filmafval zoals een verhoogde hoeveelheid solventhoudend materiaal, tengevolge van de invoering van nieuwe producten.

Het specifiek afvalvolume van Agfa HealthCare en Agfa Graphics daalde met ongeveer 10%.

Milieuprestatie van de Agfa-Gevaert Groep

In de onderstaande commentaren wordt de milieuprestatie in 2015 vergeleken met de prestatie in 2014. De grafieken en tabellen illustreren de trends vanaf 2005.

Productievolume

De onderstaande tabel geeft een overzicht van het productievolume, uitgedrukt in ton per jaar, dat werd gerealiseerd door de Groep over de afgelopen elf jaren.

2005 2007 2009 2011 2013 2014 2015
Ton/jaar 274.978 270.567 232.434 235.783 220.240 224.859 190.671

De daling van de productievolumes met 13% in 2014 weerspiegelt de algemene tendens op de wereldmarkt, waarbij analoge, filmgebaseerde oplossingen worden vervangen door digitale oplossingen.

Ten opzichte van 2014 daalde het volume van de filmproductie met bijna 5%, de productie van chemicaliën met meer dan 13%. Het drukplatenproductievolume van Agfa Graphics daalde met 6,9%. De apparatenproductie daalde met 8%. De productie van chemicaliën en drukplaten van de site in Banwol (Korea) werd geconsolideerd in bestaande productiesites. De filmproductie in Agfa HealthCare daalde met 15% wat de toenemende digitalisering illustreert. De apparatenproductie daalde met 17%.

Waterverbruik

Water consumption Total consumption (1.000 m /year) Excl. Cool. Water (1.000 m /year) Specific excl. Cool. Water (m /tonne of product) Het totale waterverbruik steeg in 2015 met ongeveer 2% in vergelijking met 2014. In combinatie met de lagere productie steeg het specifieke waterverbruik hierdoor met ruim 17% tot 29,4 m³/ton.

6,450 5,993 5,901 5,778 5,501 5,610 23,8 25,8 25,0 26,2 25,0 29,4 15,7 13,4 13,4 12,9 12,7 11,8 12,5 2005 2007 2009 2011 2013 2014 2015 Deze stijging is vooral toe te schrijven aan de drukplatenfabriek in Suzano (Brazilië). Ze is het gevolg van de eigen productie van gedemineraliseerd water via reverse osmosetechnieken en van de productie van stoom. In voorgaande jaren werd dit gedemineraliseerd water extern aangekocht.

4,313 3,616 3,110 3,046 2,787 2,601 2,384 Koelwater niet meegerekend daalde het waterverbruik met 8,4%. Dit resulteerde in een specifiek waterverbruik (koelwater niet meegerekend) van 12,5 m³/ton. Dat is ruim 5% hoger dan in 2014 en nagenoeg hetzelfde niveau als in 2013. Dat het specifieke waterverbruik exclusief koelwater stijgt, is vooral het gevolg van het feit dat het personeelsbestand niet in dezelfde mate daalt als de productiehoeveelheden. Het specifiek proceswaterverbruik blijft immers constant op 6,8 m³/ton geproduceeerd materiaal.

Afvalwatervolume en -belasting

2005 2007 2009 2011 2013 2014 2015
Specifiek volume
(m3
/ton product)
15,91 12,95 13,33 13,56 12,03 11,55 12,06
COD 1.952,4 1.967,8 1.580,4 1.101,5 473,1 492,3 464,9
N 196,8 94,1 116,1 46,1 20,4 17,9 15,8
P 13,3 203,9 112,2 97,6 66,5 56,4 54,2
AOX 1,1 1,3 1,2 0,6 0,5 0,4 0,3
Zware metalen excl. Al 0,7 0,6 0,5 0,4 0,5 0,3 0,4
Aluminium 0,0 59,0 147,1 30,5 114,2 34,9 170,4
TOTAAL (TON/JAAR) 2.164,3 2.326,7 1.957,5 1.276,7 675,2 602,2 706,0

In vergelijking met 2014 daalde het afvalwatervolume wereldwijd met 9,4%, wat resulteerde in een stijging van het specifiek afvalwatervolume met 4,4% tot 12,06 m³ water per ton geproduceerd product. Dit is hetzelfde niveau als in 2013.

13,56 12,03 11,55 Spec. volume (m /tonne) De vuilvracht daarentegen steeg met ruim 17% naar ongeveer 706 ton. Dit resulteert in een stijging van de specifieke vuilvracht naar 3,7 kg/ton geproduceerd product.

1276,8 675,1 602,4 5,4 3,1 2,7 5,3 2,5 2,6 De beschreven stijging is vooral het gevolg van het feit dat het aluminiumhoudend slib van de drukplatenfabrieken moeilijk kon worden verkocht voor verwerking in bijvoorbeeld cementfabrieken. Het moest dus worden geloosd naar een afvalwaterzuiveringsinstallatie.

De aluminiumbelasting van het afvalwater niet meegerekend, ligt de specifieke vuilvracht met 2,8 kg/ton geproduceerd product op quasi hetzelfde niveau als de voorgaande twee jaren.

Energieverbruik

Energieverbruik

Energy consumption Energyconsumption (TJ/year) Specific consumption (GJ/tonne of product) Het totale energieverbruik daalde met ruim 9%. Het specifiek energieverbruik steeg met 4% tot 15,9 GJ per ton geproduceerd product.

3.713 3.495 3.293 3.367 3.041 15,0 15,3 15,9 Het energieverbruik van de filmfabrieken wereldwijd daalde met quasi 14%, het specifieke energieverbruik met quasi 5%. Dit is het resultaat van energiebesparende investeringen en maatregelen in de Belgische vestigingen die het gevolg zijn van het energieplan dat werd opgemaakt in het kader van de Energiebeleidsovereenkomst (EBO) met de federale overheid.

Agfa HealthCare's energieconsumptie nam toe met 1,8%. Hierdoor steeg het specifiek energieverbruik van 17,7 naar 23,1 GJ/ton. Deze stijging is het gevolg van het feit dat het energieverbruik van administratieve gebouwen de volumedaling van productie niet volgt.

Een daling van 3,2% in energieverbruik in Agfa Graphics resulteerde in een stijging van het specifiek energieverbruik van 14% t.o.v. 2014. Vooral in de sites van Suzano en Wiesbaden werd een stijging van het specifiek energieverbruik genoteerd. Dit heeft te maken met het feit dat Suzano vanaf 2015 zijn eigen stoom maakt en dat Wiesbaden stoom produceert die het verkoopt via het warmtenet van de industriële site waarop het is gevestigd.

CO2 -luchtemissies

Wereldwijd bleef de lokale CO2 -emissie nagenoeg op hetzelfde niveau als in 2014. Door de gedaalde productievolumes stijgt de specifieke emissie daardoor met 15% naar 585 kg per ton geproduceerd product. CO2-emissions to air CO2 (ktonnes/year) Specific CO2emissions to air kg/tonne of product)

NOx -, SO2 -, VOS- en VAS-emissies

2005 2007 2009 2011 2013 2014 2015
NOX 136,7 157,3 156,5 150,5 141,6 140,4 132,3
SO2 11,0 7,8 49,6 40,7 23,5 5,1 1,5
VOS 251,3 237,6 177,8 165,6 165,2 129,3 121,8
VAS 11,7 4,7 4,2 48,5 2,5 2,0 1,9
TOTAAL (TON/JAAR) 410,7 407,4 388,1 405,3 332,8 276,8 257,5

Specifiek totaal NOX-, SO2-, VOS-, VAS-luchtemissies (kg/ton product)

NOx -, SO2 -, VOSen VAS-luchtemissies

CO2

De luchtemissies exclusief CO2 productiehoeveelheden nog sterker daalden (ongeveer 13%), steeg de specifieke luchtemissie exclusief CO2 met 7,2% tot 1,35 kg per ton geproduceerd product.

daalden in 2015 verder met 7%. Omdat de

VOS-luchtemissies

VOC emissions to air VOC (tonnes) Specific VOC emissions to air (kg/tonne of product) De VOS-emissies daalden ook verder met 5,9%. De specifieke VOS-emissies stegen naar 0,64 kg per ton geproduceerd product. De VOS-emissies in de drukplaten- en inktfabricage bleven quasi constant, terwijl in de filmfabrieken de VOS-emissies daalden in functie van de dalende productie.

2005 177,8
2007
165,6
2009
2011
165,2
2013 2014 2015
Stortplaats 8.721 2.110 1.590 6.147 4.103
129,3
4.214 3.586
0,88
Verbranding
843 262 192 387 217 327 227
Recyclage 60.687 56.580 40.267 39.813 37.220 30.879 29.939
Energieterugwinning 1.792 2.032 1.301 1.484 1.257 1.173 1.438
Fysisch-chemische behandeling 1.552 813 781 701 431 187 119
Valorisatie 4.020 3.202 2.652 2.762 2.270 2.581 2.796
TOTAAL (TON/JAAR) 77.615 64.999 46.783 51.294 45.498 39.361 38.105
Ongevaarlijk 72% 69% 73% 77% 75% 76% 75%
Gevaarlijk 28% 31% 27% 23% 25% 24% 25%

Afval

Het totale afvalvolume daalde in vergelijking met 2014 met 3,2%. Rekening houdend met de gedaalde productiehoeveelheden steeg het specifieke afvalvolume met 11,6% naar 200 kg per ton geproduceerd product.

Het specifiek gevaarlijk afvalvolume steeg tot 50 kg/ton geproduceerd product en komt daarmee op het niveau van 2013. De verhouding ongevaarlijk en gevaarlijk afval blijft sinds 2013 nagenoeg constant op 3/1.

De toename van het gevaarlijk afval is uitsluitend toe te schrijven aan de toename van solventhoudend afval in de filmfabrieken. De nieuwe filmsoorten op basis van solventen nemen een steeds groter aandeel in van het productengamma. Bijgevolg steeg het specifiek afvalvolume van de filmfabrieken met ruim 20% naar 12,6 kg/ton. 64.998 46.784 282,3

In Agfa HealthCare daalde het specifiek afvalvolume met ongeveer 10%, terwijl het in Agfa Graphics steeg met 8,3%. Dit laatste is het gevolg van het feit dat het aluminiumhoudend slib niet als secundaire grondstof kon worden ingezet.

Het totale gebruik van afval (recyclage, energierecuperatie, fysicochemische behandeling en valorisatie) bedraagt 90%. 78% van het afval wordt gerecycleerd. Slechts 9% van het afval wordt nog gestort.

Specific waste volumes kg/tonne of product) Specific hazardous waste (kg/tonne of product) Milieu-incidenten, -klachten en -boetes

• Incidenten

51.294 45.497 39.361 38.106 217,5 In 2015 werden in Mortsel negen milieu-incidenten gerapporteerd aan de Vlaamse autoriteiten. Ze betroffen vooral inbreuken op de afvalwatervergunning, vooral met betrekking tot zilver in het afvalwater. Onderzoek leidde tot een aanpassing van de riolering.

206,6 179,1 199,9 50,8 50,5 43,0 50,1 In Leeds werd één incident met betrekking tot een lekkage van biocide aan de Engelse autoriteiten gerapporteerd. Dit incident had geen milieu-impact. In de andere productievestigingen werden geen incidenten opgetekend.

• Klachten

Mortsel rapporteerde 14 klachten in 2015. Deze klachten betroffen vooral geluidshinder tengevolge van diverse eenmalige gebeurtenissen.

• Boetes

Branchburg ontving een boete van 2.304 euro voor een falende performantietest van de RTO (Regeneratieve Thermische Oxydatie).

Gezondheid en veiligheid

Elke Agfa-vestiging heeft gezondheids- en veiligheidsstandaarden om haar werknemers en derden in de vestiging te beschermen in overeenstemming met alle specifieke, wettelijke vereisten.

De gezondheids- en veiligheidsinformatie wordt maandelijks gepresenteerd op de besprekingen van de managementteams. Op de kwartaalbesprekingen van de afdeling Corporate Safety, Health and Environment (SH&E) wordt deze informatie besproken en bijgestuurd. Jaarlijks evalueert het SH&E Management Comittee het beleid, de organisatie, het beheersysteem en de doelstellingen op het vlak van veiligheid, gezondheid en milieu.

Van elk gerapporteerd incident, bijna ongeval en ongeval wordt de oorzaak onderzocht zodat de meest geschikte maatregelen kunnen worden geïmplementeerd. Belangrijke zaken worden onmiddellijk gecommuniceerd aan alle vestigingen als SH&E-alarm en -leerpunt. Oorzaakanalyses worden uitgevoerd om specifieke acties te implementeren ter verbetering van de prestaties op het vlak van gezondheid en veiligheid.

De frequentiegraad van de rapporteerbare ongevallen daalde met 43% van 2,90 in 2014 naar 1,66 in 2015. Dit komt overeen met 14 ongevallen wereldwijd in 2015 tegenover 25 in 2014.

De frequentiegraad van de ongevallen met meer dan één verloren werkdag tot gevolg daalde met 18% van 5,65 in 2014 naar 4,64 in 2015. Dit kwam neer op 39 ongevallen. Agfa Graphics wist het aantal ongevallen met werkverlet meer dan te halveren.

De ernstgraad van de ongevallen met meer dan één verloren werkdag daalde aanzienlijk met 38% van 0,147 in 2014 naar 0,092 in 2015. Dit vertegenwoordigt 772 verloren werkdagen. Van de 18 verschillende productievestigingen noteerden er zeven geen enkel ongeval met verloren werkdag.

Rapporteerbare ongevallen (per miljoen gewerkte uren)

Rapporteerbare ongevallen

Organisatie

Zonder de identiteit van de verschillende businessgroepen aan te tasten, zorgt de Global Shared Service Human Resources voor een gezamenlijke aanpak van het personeelsbeleid voor de Agfa Groep, met optimaal gebruik van alle mogelijke synergieën.

Het is evident dat dit niet alleen efficiëntieverhogend is, maar ook een uitwisseling van 'best practices' op het vlak van HR in de hand werkt. Bovendien biedt het kansen aan Agfa's medewerkers om breed inzetbaar te zijn in een veelvoud van functies over alle business groepen heen.

Uiteraard wordt het personeelsbeleid grondig afgestemd op de specifieke noden van elke businessgroep. Hiertoe begeleiden HR business partners de management teams van de businessgroepen en detecteren zo de specifieke noden aan personeelsaantallen, competenties, reorganisaties en dergelijke.

Gezien de wereldwijde aanwezigheid van Agfa steunt de HRorganisatie ook sterk op de HR-medewerkers in de verschillende landen en regio's.

Daarnaast heeft de HR-organisatie ook nog drie Centers of Excellence en een HR Process Office.

De Centers of Excellence omvatten drie hoofdactiviteiten:

  • salaris, vergoedingen en voordelen;
  • leren en ontwikkelen, inclusief prestatiemanagement;
  • aanwervingen.

Ze zijn verantwoordelijk voor de invoering van nieuwe regels of beleidslijnen die wereldwijd in Agfa's verschillende organisaties gebruikt kunnen worden. Deze aanpak brengt heel wat voordelen op het vlak van kostenefficiëntie, transparantie en uniformiteit.

Het HR Process Office beheert de operationele middelen en processen voor HR.

Programma's en beleid

Prestatiemanagement

Prestatiemanagement is een weerkerend en voortdurend proces voor het bepalen van doelstellingen, ontwikkeling en evaluatie gericht op het realiseren van de strategie van de onderneming via de prestaties van de werknemers. Agfa's processen op het vlak van prestatiemanagement zorgen ervoor dat werknemers geëvalueerd

worden en dat ze formele en informele feedback krijgen over hun prestaties, getoetst aan een aantal overeengekomen doelstellingen.

Tot op zekere hoogte zijn financiële beloningen voor werknemers gebaseerd op de resultaten van het prestatiemanagementproces. De evaluatie richt zich zowel op de beoordeling van de bereikte resultaten (Wat) als op de gedragingen die tot deze resultaten leiden (Hoe).

Competentiemanagement

Competentiemanagement is een programma dat managers en werknemers de mogelijkheid geeft om persoonlijke ontwikkelingsplannen op te stellen die overeenstemmen met de zakelijke objectieven en met de professionele ambities van de werknemer.

Algemene competenties, maar meer en meer ook jobspecifieke competenties, werden gedefinieerd en worden getoetst aan een vooraf bepaald vaardigheidsniveau. Vaardigheden die onvoldoende aanwezig zijn, krijgen prioriteit en worden gestimuleerd via ontwikkelingsdoelstellingen.

Het Academy Learning Platform is voor alle werknemers toegankelijk. Het biedt een grote verscheidenheid aan technische en niet-technische trainingsmogelijkheden.

Talentmanagement

Minstens één maal per jaar nemen alle senior managers deel aan People Reviews om pro-actief kerntalenten in de organisatie te identificeren, om mobiliteit en jobrotatie te organiseren en om ervoor te zorgen dat sleutelwerknemers aan boord blijven.

Een 'Global Leadership Program' werd ingevoerd om wereldwijd talent zichtbaarder te maken en om de coaching en ontwikkeling van talenten te ondersteunen. Voorts hebben verscheidene regio's ook lokale talentprogramma's opgezet.

Beleid en praktijken op het vlak van verloning

Het tewerkstellen van mensen is een investering op lange termijn. Tegenwoordig ervaren wereldwijde organisaties meer en meer concurrentie bij het aanwerven en behouden van personeelsleden. Daarom biedt Agfa alle werknemers competitieve 'Compensation & Benefits'-pakketten. De meeste managers hebben een variabel deel in hun salarispakket. De uitbetaling van dit variabele deel hangt af van de prestatie van de Agfa-Gevaert Groep, van de resultaten van de respectieve businessgroep en regio, en van de individuele prestatie ('Global Bonus Plan').

Om ervoor te zorgen dat het salaris overeenkomstig de markt is, gebruikt Agfa een formeel jobevaluatiesysteem en neemt het deel aan salarisonderzoeken om haar loonbeleid op een continue wijze te toetsen.

Agfa gebruikt als referentieloon van haar medewerkers een 'Total Target Cash'-niveau dat gemiddeld op het 67ste percentiel van de markt ligt. Het pakket van de individuele werknemer wordt aangepast op basis van zijn/haar prestaties en expertise.

Agfa streeft ernaar om competitieve maar ook kostenefficiënte kortetermijn- en langetermijnvoordelen aan te bieden. De belangrijkste voordelen zijn: een pensioenplan, een levensverzekering en een verzekering tegen medische kosten. De voordelen kunnen sterk van land tot land verschillen, naargelang de plaatselijke regels en gewoontes.

Arbeidspraktijken

Agfa streeft ernaar een werkgever te zijn met duidelijk omschreven en toegepaste veiligheids- en gezondheidsnormen, die alle wettelijke bepalingen naleeft en zich houdt aan de algemene bepalingen van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.

Diversiteit

Diversiteit is voor Agfa een belangrijk aandachtspunt en de onderneming heeft hieromtrent beleidsmaatregelen en procedures ingesteld. Ze worden beschreven in de gedragscode van de Onderneming en in het antidiscriminatiebeleid in de verklaring inzake ethisch zakendoen.

Vrijheid van vereniging

Agfa houdt zich aan de algemene principes van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en ondersteunt en respecteert het recht van zijn werknemers om zich te verenigen in vakbonden en andere organisaties die de rechten van werknemers in hun relatie met Agfa als werkgever behartigen.

In elk land waar het actief is, treedt Agfa in dialoog met de vertegenwoordigers van de werknemers. In de meeste Europese landen nemen ondernemingsraden de vertegenwoordiging

van de werknemers op zich. Op Europees niveau is er een Europese ondernemingsraad werkzaam. Voor zaken op het vlak van gezondheid en veiligheid zijn vaak lokale comités, bestaande uit vertegenwoordigers van de werknemers en de werkgever, actief.

Ondersteuningsprogramma's voor werknemers

Naast de strikte toepassing van de gedragscode heeft de grote meerderheid van Agfa's dochterondernemingen een formeel systeem ingesteld voor het ondersteunen van werknemers die problemen zoals pesterijen, discriminatie of belangenconflicten willen melden. Klachten worden op een systematische en vertrouwelijke manier behandeld en er werden gespecialiseerde en onafhankelijke contactpersonen aangesteld. Voor elke vestiging werden eveneens plaatselijke HR-contactpersonen aangesteld, zodat werknemers individuele problemen indien nodig op een vertrouwelijke manier kunnen melden.

Interne communicatie

Om een degelijke interne communicatie te verzekeren heeft Agfa specifieke communicatiekanalen opgezet. De bedoeling is de werknemers op een professionele en objectieve manier te informeren over alle bedrijfsgerelateerde onderwerpen.

Hiertoe wordt Agfa's intranet gebruikt als belangrijk intern medium dat alle bedrijfs- of afdelingsinformatie groepeert, zowel plaatselijk als wereldwijd. De informatie heeft betrekking op alle niveaus van Agfa's organisatie en geen enkele activiteit wordt uitgesloten. Collega's die op hun werkplek geen toegang tot het intranet hebben worden geïnformeerd via alternatieve media, zoals gedrukte nieuwsbrieven.

Voorts krijgen alle werknemers een update over de kwartaalresultaten en andere belangrijke onderwerpen tijdens de Infotour-presentaties die elk kwartaal in elke vestiging worden georganiseerd. Tijdens deze meetings worden de prestaties en de resultaten van de Groep en van de businessgroepen in detail besproken. Deelnemers worden uitgenodigd om deze onderwerpen en onderwerpen die hiermee te maken hebben te bespreken met hun management.

Tenslotte vervolledigen plaatselijke communicatie-initiatieven, zoals personeelsmagazines, nieuwsbrieven en personeelsvergaderingen, de hierboven vermelde communicatie.

Woordenlijst

AOX

De som van de organische halogeenverbindingen in water die onder gestandaardiseerde omstandigheden kunnen geabsorbeerd worden door geactiveerde koolstof.

beeldverwerkingssoftware

Deze softwaretoepassingen analyseren digitale medische beelden en passen automatisch beeldverbeteringstechnieken toe om alle details beter in beeld te brengen. Ze verbeteren de workflow in de radiografieafdelingen en ze geven de radioloog de mogelijkheid om sneller en accurater te werken. Agfa HealthCare's MUSICA-software wordt algemeen erkend als een norm in deze markt.

capacitieve sensor

Een capacitieve sensor detecteert alles wat geleidbaar is of wat een andere dielectriciteit heeft dan lucht. Capacitieve sensoren vervangen mechanische drukknoppen.

chemievrije drukplaat

Een drukplaat die na de belichting geen extra chemische behandelingen nodig heeft.

clean-out unit

Een clean-out unit is een machine die aan hoge snelheid alle onbelichte delen van een drukplaat verwijderd door middel van een gomsubstantie die op de plaat gespoten wordt.

Clinical Information System (CIS)

Deze uitgebreide, geïntegreerde IT-systemen zijn ontworpen voor het verzamelen, opslaan, bewerken en beschikbaar maken van klinische informatie met belang voor de zorgverstrekking. Clinical Information Systems kunnen beperkt zijn tot een bepaald vakgebied (bv. IT-systemen voor de laboratoria, systemen voor het beheer van electrocardiogrammen), maar er bestaan ook uitgebreide systemen die betrekking hebben op vrijwel alle klinische informatie (bv. elektronische patiëntendossiers of electronic patient records).

CO2

Koolstofdioxide; komt vrij bij de verbranding van organische brandstof.

computed radiography (CR)

Technologie waarbij röntgenbeelden gemaakt worden met conventionele röntgenapparatuur, maar waarbij de beelden vastgelegd worden op herbruikbare platen, in plaats van op röntgenfilm. De informatie op de platen wordt gelezen

door een digitizer, wat een digitaal beeld oplevert. Aangepaste beeldverwerkingssoftware (zoals Agfa HealthCare's MUSICA) kan gebruikt worden om de kwaliteit van de beelden automatisch te optimaliseren voor het stellen van diagnoses. De digitale beelden kunnen ook aangevuld worden met manuele input (aantekeningen, afmetingen,…). Ze worden beheerd en gearchiveerd op een Picture Archiving and Communication System. zie ook direct radiography

computer-to-film (CtF)

Een proces waarbij de pagina's of de illustraties van drukwerk – bijvoorbeeld de pagina's van kranten of magazines – rechtstreeks vanaf computerfiles digitaal belicht worden op een (transparante) film. De films worden dan chemisch ontwikkeld en gebruikt om drukplaten te maken. zie ook computer-to-plate

computer-to-plate (CtP)

Een proces waarbij de pagina's of de illustraties van drukwerk – bijvoorbeeld de pagina's van kranten of magazines – rechtstreeks vanaf computerfiles digitaal belicht worden op drukplaten, zonder dat daarbij film nodig is. zie ook computer-to-film

contrastmedia

Voor een onderzoek met röntgen-, CT- of MRI-technologie kunnen patiënten contrastmedia toegediend krijgen. Deze contrastvloeistoffen worden gebruikt om specifieke anatomische structuren (vooral bloedvaten) beter te doen uitkomen op de beelden.

CT (computertomografie of computed tomography)

Een CT-scanner gebruikt een reeks röntgenstralen om 'beeldschijven' van het lichaam te maken. Agfa's productportfolio bevat geen CT-scanners, maar zijn Picture Archiving and Communication Systems worden gebruikt voor het beheer en de 3D-visualisatie van de digitale beelden. Met Agfa's hardcopyprinters kunnen hoogkwalitatieve afdrukken van de beelden gemaakt worden.

CtF

zie computer-to-film

CtP

zie computer-to-plate

CZV

Chemisch zuurstofverbruik: de hoeveelheid zuurstof die nodig is voor de chemische oxidatie van in water aanwezige stoffen.

digitale radiografie

Een vorm van röntgenonderzoek waarbij digitale technologie gebruikt wordt in plaats van traditionele fotografische röntgenfilm. De meest gebruikelijke technologieën voor digitale radiografie zijn computed radiography en direct radiography.

direct radiography (DR)

Radiografische technologie die röntgenenergie omzet in digitale gegevens zonder als tussenstap gebruik te maken van film of platen voor het vastleggen van beelden. Deze digitale data genereren een diagnostisch beeld op een PC. Het feit dat het om digitale gegevens gaat, opent een hele reeks mogelijkheden op het gebied van beeldoptimalisering en -aanvulling en van archivering op Picture Archiving and Communication Systems. DR-systemen worden meestal gebruikt in gecentraliseerde radiologieomgevingen. zie ook computed radiography

drukplaat

  • voor computer-to-film-technologie

Drukplaten die bestaan uit een hoogkwalitatief aluminium-substraat en een deklaag die ontworpen is om te weerstaan aan relatief hoge hoeveelheden ultravioletenergie (UV). Een belichte film wordt vacuüm in contact gebracht met een plaat. De UV-lichtbron kopieert de gegevens van de film op de plaat. De afbeeldingen en tekst zijn de opake delen van de film, de rest is transparant. Het UV-licht treft de plaat alleen waar de film transparant is. Een chemisch ontwikkelingsprocédé etst de belichte delen van de plaat, terwijl de niet-belichte delen onveranderd blijven. De inkt hecht zich aan de belichte – of chemisch behandelde – delen tijdens het drukproces. - voor computer-to-plate-technologie

Drukplaten die bestaan uit een hoogkwalitatief geruwd en geanodiseerd aluminiumsubstraat en een deklaag (uit zilver of fotopolymeer) die duizend keer gevoeliger is dan die van CtF-platen. De lasers die gebruikt worden voor het belichten van deze platen werken met thermische energie of zichtbaar licht. De deklaag reageert op de laserenergie waardoor chemische/fysische veranderingen aan het oppervlak van de plaat ontstaan. Net als de CtF-platen worden de CtP-platen daarna ontwikkeld om een plaat te creëren waarmee gedrukt kan worden. Bij enkele technologieën is er geen ontwikkeling van de plaat meer nodig.

drukproef

De drukproef die door de klant (de koper van drukwerk) wordt goedgekeurd. Ze toont hoe de kleuren door de drukpers weergegeven zullen worden. De drukker gaat dus een 'contract' over de kleurendruk aan met de klant. Deze weergave van het uiteindelijke resultaat wordt mogelijk gemaakt door Agfa Graphics' hoogtechnologische softwaresystemen voor kleurenbeheer.

drukvoorbereiding (of prepress)

De voorbereiding en verwerking van beelden, tekst en documentgegevens voordat ze op drukplaten overgebracht worden, inclusief het scannen met hoge resolutie van beelden, de separatie van kleuren, de verschillende types van drukproeven, enz.

e-health

Term voor het gebruik van informatie- en communicatietechnologie in de gezondheidszorgsector.

Electronic Health Record (EHR)

Wanneer het Electronic Patient Record van een persoon gekoppeld wordt aan zijn/ haar niet-medische elektronische dossiers van organisaties als overheden en verzekeringsmaatschappijen, ontstaat een EHR.

Electronic Patient Record (EPR)

Het elektronisch alternatief voor het patiëntendossier op papier. Het EPR bevat alle gegevens van een patiënt, waaronder demografische info, de onderzoekopdrachten en -resultaten, laboratoriumrapporten, radiologische beelden en rapporten, behandelingsplannen, speciale dieetvereisten, enz. Het kan eenvoudig in het hele ziekenhuis en eventueel zelfs daarbuiten geraadpleegd worden.

flexodruk

Druktechniek waarbij flexibele, rubberen of kunststof drukplaten bevestigd worden op drukrollen. De inkt wordt op de drukplaten aangebracht, die dan als een stempel tegen het papier of ander substraat gedrukt worden.

gedrukte schakeling (printed circuit board of PCB)

Een dunne plaat (ook bord genoemd) waarop chips en andere elektronische componenten bevestigd worden. Computers bevatten een of meer borden. Gedrukte schakelingen worden ook printplaten of printed circuit boards genoemd.

grootformaatprinter

Ook breedformaatprinter genoemd. Digitale printer die op vellen of rollen van 24 inch/60 cm of breder drukt.

hardcopy

Een hardcopy is de uitgeprinte versie van een digitaal beeld. De hardcopyprinters van Agfa HealthCare kunnen medische beelden printen die afkomstig zijn van verschillende bronnen: CT-scanners, MRI-scanners, systemen voor computed radiography (CR) en direct radiography (DR),... Agfa's gamma bevat zowel zogenaamde 'natte' als 'droge' printers. Natte lasertechnologie maakt gebruik van waterige chemische oplossingen voor de ontwikkeling van het beeld. De milieuvriendelijke droge technologie print het beeld rechtstreeks van de computer op een speciale film door middel van thermische effecten.

Hospital Information System (HIS)

Deze uitgebreide, geïntegreerde IT-systemen beheren de medische, administratieve, financiële, en legale aspecten van een zorgorganisatie.

inkjet(systeem)

Elke printer die extreem kleine inktdruppels op het papier aanbrengt om een beeld te creëren. Het kan gaan van kleine apparaten voor gebruik in kantoren, over middelgrote printers voor bijvoorbeeld het printen van posters tot grote systemen voor industriële toepassingen.

membraan

Een dunne, flexibele laag van een materiaal dat ontworpen is om componenten van een oplossing van elkaar te scheiden.

membraanschakelaar

Een membraanschakelaar is een elektrische schakelaar om een circuit aan of uit te schakelen. Membraanschakelaars zijn interfaces tussen gebruiker en apparaat. Het kunnen zowel heel eenvoudige schakelaars zijn, zoals verlichtingschakelaars, als heel complexe, zoals membraankeyboards en schakelpanelen voor computers.

modaliteiten

Hiermee worden in dit verslag de verschillende beeldvormingssystemen bedoeld, waaronder radiografieapparatuur, MRI-scanners en CT-scanners. Deze systemen kunnen worden aangesloten op een Picture Archiving and Communication System (PACS) van Agfa HealthCare.

MRI (Magnetic Resonance Imaging)

De MRI-scanner creëert een magnetisch veld rond de patiënt. Het systeem produceert beelden door radiogolven te pulseren, gericht op de te onderzoeken lichaamsdelen. Agfa HealthCare's productportfolio bevat geen MRI-scanners, maar zijn Picture Archiving and Communication Systems (PACS) worden gebruikt om de digitale beelden te beheren en te visualiseren. Met Agfa HealthCare's hardcopyprinters kunnen hoogkwalitatieve afdrukken van de beelden gemaakt worden.

N

Stikstof.

niet-destructief materiaalonderzoek

Bij deze onderzoeksmethode worden de structuur en de tolerantie van materialen gecheckt zonder ze te beschadigen of te vervormen.

NOX

Stikstofoxide; komt bijvoorbeeld tot stand door verbranding met lucht.

offsetdruk

Druktechniek waarbij dunne aluminium drukplaten om een cilinder gebogen worden. Al roterend nemen de drukplaten op de juiste plaatsen respectievelijk inkt of water aan. De inkt wordt overgebracht op een rubberen doek dat op een tweede cilinder is bevestigd. Vervolgens wordt de inkt van het rubber op het te bedrukken oppervlak overgebracht.

OHSAS 18001

Internationale norm voor gezondheids- en veiligheidsbeheersystemen. OHSAS staat voor Occupational Health and Safety Assessment System.

P

Fosfor.

PET (polyethyleentereftalaat of polyester)

Polyethyleentereftalaat of polyester wordt geproduceerd op basis van ethyleenglycol en tereftaalzuur. Het is de basisgrondstof voor het substraat van fotografische film. Het wordt gecoat met verschillende types van chemische lagen voor, bijvoorbeeld, medische of grafische doeleinden.

Picture Archiving and Communication System (PACS)

PACS-systemen waren oorspronkelijk bedoeld om de diagnostische beelden van radiologieafdelingen efficiënt te archiveren en ter beschikking te stellen van de gebruikers. Dankzij specifieke softwareontwikkelingen zijn Agfa HealthCare's systemen ook geschikt gemaakt voor gebruik in andere ziekenhuisafdelingen, zoals cardiologie, orthopedie en vrouwengeneeskunde. Uitgebreide PACS-systemen kunnen alle ziekenhuisafdelingen die intensief met beelden werken in een netwerk verbinden. Met Agfa HealthCare's MUSICA-software kunnen beelden op het PACS-systeem bewerkt en geoptimaliseerd worden.

plaatbelichter

Een plaatbelichter 'kopieert' op een digitale manier gegevens van de computer op drukplaten, die dan ontwikkeld en op de drukpers geplaatst worden.

polymeer

Een polymeer is een grote molecule die is opgebouwd uit aan elkaar gekoppelde kleinere eenheden (monomeren). Er bestaan zowel natuurlijke (bv. eiwitten en rubber) als synthetische (bv. plastic, nylon) polymeren. Geleidende polymeren geleiden elektriciteit. Orgacon™ is de merknaam voor Agfa Specialty Products' productlijn op basis van geleidende polymeren.

Radiology Information System (RIS)

RIS zijn computergestuurde oplossingen voor de planning, de followup en de communicatie van alle gegevens over patiënten en hun onderzoeken in de radiologieafdeling, startend vanaf het moment dat een onderzoek werd aangevraagd tot en met het rapport van de radioloog. Het RIS hangt nauw samen met het Picture Archiving and Communication System (PACS) (voor de beelden die deel uitmaken van de onderzoeken).

rasteren

Het creëren van een patroon van punten van verschillende grootte, gebruikt om kleuren- of grijswaardenbeelden weer te geven. Er bestaan verschillende rastertechnologieën.

RFID-antenne

RFID staat voor Radio Frequency Identification, of identificatie met radiogolven. Het staat voor de techniek van automatische identificatie waarbij gebruik gemaakt wordt van radiosignalen om informatie uit te sturen vanuit zogenaamde tags die vastgehecht zijn aan voorwerpen of ingebouwd zijn in ID-kaarten. Er is geen fysiek contact nodig tussen de tag en het identificatieapparaat omdat de gegevens overgedragen worden via een antenne die eveneens in – bijvoorbeeld – de ID-kaart ingebed zit.

RSNA

Radiological Society of North America. De missie van de RSNA is het promoten en ontwikkelen van de hoogste standaarden voor radiologie en verwante wetenschappen door educatie en onderzoek. De RSNA is gastheer van de grootste jaarlijkse meeting voor radiologie ter wereld.

thermische (drukplaat)

Bij thermische plaatbelichting gebruikt de plaatbelichter warmte-energie om de drukplaten te belichten.

UV-inkt

UV-inkt (of UV curable ink) bestaat vooral uit acryl-monomeren. Na het drukken wordt de inkt door een hoge dosis ultraviolet licht getransformeerd tot een harde gepolymeriseerde film. UV-inkt droogt onmiddellijk, kan gedrukt worden op een grote verscheidenheid aan dragers en zorgt voor een heel duurzaam beeld. Hij bevat geen schadelijke bestanddelen zoals VOC's (Vluchtige Organische Componenten) of solventen en hij verdampt niet.

violette (drukplaat)

Violette (laser)technologie belicht drukplaten door gebruik te maken van de violette band van het zichtbaar-lichtspectrum. Ze zorgt voor een snelle productie, eenvoudige bediening en grote betrouwbaarheid.

virtuele colonoscopie

Onderzoek waarbij met behulp van CT-scans poliepen en kankergezwellen in de dikke darm opgespoord worden. Agfa HealthCare's software voegt de CTbeelden samen tot een 3D-weergave van de binnenzijde van de dikke darm. De radioloog kan zo virtueel door de dikke darm navigeren om oneffenheden in de darmwand op te sporen. In tegenstelling tot de conventionele colonoscopie moet bij deze technologie dus geen buis bij de patiënt worden ingebracht.

vlakbedprinter

Bij vlakbedprinters ligt het papier (of een andere drager) op een vlak oppervlak, terwijl de printkoppen erover bewegen om het beeld erop te printen.

workflowsoftware

Software die operators in staat stelt het drukvoorbereidingsproces te controleren via een interface. Hij stroomlijnt de opdrachten door de individuele stappen in het drukvoorbereidingsproces te automatiseren, wat tijd bespaart en kosten reduceert.

zeefdruk

Drukproces waarbij de inkt door een metalen of nylon zeef op het papier wordt gegoten. De zeef is door middel van sjablonen waterdicht gemaakt op de plaatsen waar het papier niet bedrukt moet worden.

GECONSOLIDEERDE WINST- EN VERLIESREKENING 2011-2015

MILJOEN EURO 2015 2014 2013 2012 2011
Opbrengsten 2.646 2.620 2.865 3.091 3.023
Kostprijs van verkopen (1.804) (1.813) (2.031) (2.222) (2.181)
Brutowinst 842 807 834 869 842
Verkoopkosten (352) (336) (361) (388) (388)
Kosten van onderzoek en ontwikkeling (144) (146) (146) (163) (162)
Algemene beheerskosten (170) (172) (177) (192) (197)
Overige bedrijfsopbrengsten 110 90 163 131 136 (1)
Overige bedrijfskosten (125) (107) (150) (161) (195) (1)
Resultaat uit bedrijfsactiviteiten 161 136 163 96 36
Renteopbrengsten/(-kosten) - netto (11) (15) (17) (15) (12)
Overige financiële opbrengsten/(kosten) – netto (63) (44) (54) (70) (2) (72)
Nettofinancieringslasten (74) (59) (71) (85) (2) (84)
Winst (verlies) voor belastingen 87 77 92 11 (2) (48)
Winstbelastingen (16) (18) (43) (20) (23)
Winst (verlies) over de verslagperiode 71 59 49 9 (2) (71)
Winst (verlies) toewijsbaar aan: 71 59 49 9 (2) (71)
Aandeelhouders van de Onderneming 62 50 41 (19) (2) (73)
Minderheidsbelangen 9 9 8 10 2
WINST PER AANDEEL
Gewone winst per aandeel (euro) 0,37 0,30 0,25 (0,11) (2) (0,44)
Verwaterde winst per aandeel (euro) 0,37 0,30 0,25 (0,11) (2) (0,44)

Tijdens 2012 heeft de Groep consequent het boekhoudkundig beleid toegepast dat ook in het voorgaande jaar gold, met uitzondering van de weergave van de koersresultaten. De Groep heeft haar koerswinsten en -verliezen per valuta netto voorgesteld om beter in lijn te zijn met de thesaurie- en afdekkingspolitiek van de Groep. Voor het volledig jaar 2012 werd zo 150 miljoen euro, respectievelijk 74 miljoen euro in mindering gebracht van de operationele en niet-operationele koerswinsten en -verliezen. Vergelijkende informatie over 2011 werd angepast aan deze nieuwe voorstellingswijze. Voor het volledig jaar 2011 werden de operationele koerswinsten en -verliezen elk met 130 miljoen euro verminderd, De koerswinsten en -verliezen opgenomen in de interest op de nettoverplichting werden met 145 miljoen euro verminderd. De Groep meent dat deze herziene voorstellingswijze de gebruikers van de jaarrekening relevantere informatie verschaft. (1)

Gedurende 2013 heeft de Groep het boekhoudkundig beleid consequent toegepast dat ook in het voorgaande jaar gold, met uitzondering van de gewijzigde regels voor verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding, meer bepaald inzake de bepaling van de pensioenkost van de periode en de nettoverplichting van de toegezegdpensioenregelingen. Deze wijzigingen zijn het gevolg van de toepassing van de aanpassingen aan de standaard IAS 19 zoals gepubliceerd in IAS 19 (gewijzigd 2011). Door de toepassing van deze herziene standaard zijn de overige financieringslasten voor 2012 verminderd met 22 miljoen euro, van 99 miljoen euro naar 77 miljoen euro. Deze herziening heeft tevens een impact gehad op de berekening van de winst per aandeel over 2012, van minus 0,24 euro naar minus 0,11 euro per aandeel. (2)

GECONSOLIDEERDE BALANS 2011-2015

MILJOEN EURO 31 dec. 2015 31 dec. 2014
ACTIVA
Vaste activa 1.005 1.039
Immateriële activa en Goodwill 622 615
Materiële vaste activa 214 234
Geassocieerde deelnemingen 1 1
Financiële activa 16 16
Uitgestelde belastingvorderingen 152 173
Vlottende activa 1.397 1.509
Voorraden 512 512
Handelsvorderingen 515 538
Actuele vorderingen uit winstbelastingen 64 62
Overige belastingvorderingen 26 45
Overige vorderingen 106 103
Overige activa 44 51
Derivaten 2 2
Geldmiddelen en kasequivalenten 123 196
Vaste activa aangehouden voor verkoop 5 -
TOTAAL ACTIVA 2.402 2.548
EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN
Eigen vermogen 268 146
Toewijsbaar aan aandeelhouders van de Onderneming 228 93
Maatschappelijk kapitaal 187 187
Uitgiftepremies 210 210
Ingehouden winsten 771 709
Reserves (92) (92)
Valutakoersverschillen (7) (16)
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering
van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen
(841) (905)
Toewijsbaar aan minderheidsbelangen 40 53
Langlopende verplichtingen 1.359 1.443
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding 1.185 1.267
Overige personeelsvergoedingen 9 12
Rentedragende verplichtingen 137 125
Voorzieningen 6 14
Overlopende rekeningen 1 2
Uitgestelde belastingverplichtingen 21 23
Kortlopende verplichtingen 775 959
Rentedragende verplichtingen 44 197
Voorzieningen 81 87
Handelsschulden 206 230
Uitgestelde opbrengsten en vooruitbetalingen 141 125
Actuele verplichtingen uit winstbelastingen 60 61
Overige belastingverplichtingen 45 63
Overige te betalen posten 46 49
Personeelsbeloningen 130 129
Overige verplichtingen 5 4
Derivaten 17 14
TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN 2.402 2.548

Om de transparantie van de geconsolideerde jaarrekening te verhogen, heeft het management beslist om volgende items apart te vermelden in de geconsolideerde balans: financiële activa en verplichtingen, actuele vorderingen en verplichtingen uit winstbelastingen, overige belastingsvorderingen en verplichtingen alsook personeelsbeloningen. Vergelijkende informatie over 2014 werd aangepast aan deze nieuwe voorstellingswijze.

GECONSOLIDEERDE BALANS 2011-2015 (VERVOLG)

MILJOEN EURO 31 dec. 2013 31 dec. 2012 31 dec. 2011
ACTIVA
Vaste activa 1.066 1.156 1.221
Immateriële activa en Goodwill 618 654 681
Materiële vaste activa 242 277 301
Investeringen 11 10 15
Uitgestelde belastingvorderingen 195 215 224
Vlottende activa 1.502 1.674 1.728
Voorraden 542 635 639
Handelsvorderingen 585 636 672
Actuele elastingvorderingen 95 97 82
Overige vorderingen en overige vlottende activa 126 149 214
Overlopende rekeningen 25 27 20
Derivaten 3 3 1
Geldmiddelen en kasequivalenten 126 127 100
TOTAAL ACTIVA 2.568 2.830 2.949
EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN
Eigen vermogen 368 169 (1) 995
Toewijsbaar aan aandeelhouders van de Onderneming 325 133 (1) 960
Maatschappelijk kapitaal 187 187 187
Uitgiftepremies 210 210 210
Ingehouden winsten 664 623 (1) 642
Reserves (91) (85) (90)
Valutakoersverschillen (28) 6 11
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering van
de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen
(617) (808) (1) -
Toewijsbaar aan minderheidsbelangen 43 36 35
Langlopende verplichtingen 1.397 1.795 (1) 988
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding 1.002 1.315 (1) 542
Overige personeelsvergoedingen 11 12 13
Rentedragende verplichtingen 319 410 352
Voorzieningen 11 15 25
Overlopende rekeningen 1 1 4
Uitgestelde belastingverplichtingen 53 42 52
Kortlopende verplichtingen 803 866 966
Rentedragende verplichtingen 24 8 15
Voorzieningen 160 173 223
Handelsschulden 239 278 275
Uitgestelde opbrengsten en vooruitbetalingen 121 138 145
Actuele belastingverplichtingen 54 56 47
Overige te betalen posten 95 109 149
Personeelsbeloningen 97 99 94
Overige verplichtingen 3 3 4
Derivaten 10 2 14
TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN 2.568 2.830 2.949

(1) Gedurende 2013 heeft de Groep het boekhoudkundig beleid consequent toegepast dat ook in het voorgaande jaar gold, met uitzondering van de gewijzigde regels voor verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding, meer bepaald inzake de bepaling van de pensioenkost van de periode en de nettoverplichting van de toegezegdpensioenregelingen. Deze wijzigingen zijn het gevolg van de toepassing van de aanpassingen aan de standaard IAS 19 zoals gepubliceerd in IAS 19 (gewijzigd 2011). Door de toepassing van deze herziene standaard is de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen op 1 januari 2013 gestegen met 786 miljoen euro, zijnde 767 miljoen euro voor de materiële landen van de Groep en 19 miljoen euro voor de andere landen. Deze impact werd geboekt in het eigen vermogen via de ingehouden winsten voor het gedeelte dat betrekking had op de aanpassingen in de bepaling van de pensieonkost over 2012 wat resulteerde in een stijging van de ingehouden winsten met 22 miljoen euro; het overige bedrag zijnde minus 808 miljoen euro werd geboekt in een aparte lijn binnen het eigen vermogen zijnde 'Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezgdpensioenregelingen'. De impact van de gewijzigde regelgeving is gereflecteerd in de herziene openingsbalans per 1 januari 2012 en de balans per 31 december 2012 alsook in het resultaat over 2012. De impact op de balans per 31 december 2012 is hetzelfde als de impact op de balans per 1 januari 2013. De openingsbalans op 1 januari 2012 bevat herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregelingen ten belope van 704 miljoen euro zijnde 687 miljoen euro voor de materiële landen van de Groep en 17 miljoen euro voor de andere landen.

MILJOEN EURO 2015 2014 2013 2012 2011 Winst / (verlies) over het boekjaar 71 59 49 (9) (1) (71) Aanpassingen voor: Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen 61 69 86 87 94 - Wijzigingen in de reële waarde van derivaten (2) - (1) - 1 - Toegekende subsidies (9) (9) (10) (11) (7) - (Winsten) / verliezen uit de verkoop van vaste activa (4) (1) (1) - (1) - Winst uit een voordelige verkoop - - - - - - Nettofinancieringslasten 74 59 71 (85) (1) 84 - Winstbelastingen 16 18 43 20 23 207 195 237 172 123 Wijzigingen in: - Voorraden 5 46 73 (7) (38) - Handelsvorderingen 31 64 26 29 6 - Handelsschulden (27) (5) (36) 4 30 - Uitgestelde opbrengsten en ontvangen vooruitbetalingen 9 (3) (11) (7) (16) - Overige kortlopende activa en verplichtingen 10 (15) 1 (12) (37) - Langlopende voorzieningen (85) (89) (158) (103) (74) - Kortlopende voorzieningen (7) (18) (10) (31) (2) Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten 143 175 122 45 (8) Betaalde belastingen 6 (24) (15) (13) (19) Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten 149 151 107 32 (27) Ontvangen rente 2 2 2 3 3 Ontvangsten uit de verkoop van immateriële activa 2 4 2 3 4 Ontvangsten uit de verkoop van materiële vaste activa 7 4 4 3 5 Ontvangsten uit de verkoop van activa aangehouden voor verkoop - - - - - Investeringen in immateriële activa (2) (1) (2) (3) (5) Investeringen in materiële vaste activa (35) (36) (38) (41) (55) Ontvangsten uit de lease-portfolio (5) 6 11 12 4 Overnames (7) - - - (28) Wijzigingen in overige investeringsactiviteiten 4 (6) - 3 1 Nettokasstromen uit investeringsactiviteiten (34) (27) (21) (20) (71) Betaalde rente (18) (17) (19) (29) (14) Betaalde dividenden aan minderheidsbelangen (25) (5) - - - Kapitaalverhoging - - - - - Leningen (137) (22) (70) 52 (23) Overige financieringskasstromen (7) (11) 11 (9) (8) Nettokasstromen uit financieringsactiviteiten (187) (55) (78) 14 (45) Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten (72) 69 8 26 (143) Geldmiddelen en kasequivalenten bij het begin van het jaar 194 125 125 98 238 Impact van valutakoersverschillen - - (8) 1 3

GECONSOLIDEERDE KASSTROOMOVERZICHTEN

Gedurende 2013 heeft de Groep het boekhoudkundig beleid consequent toegepast dat ook in het voorgaande jaar gold, met uitzondering van de gewijzigde regels voor verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding, meer bepaald inzake de bepaling van de pensioenkost en de nettoverplichting van de toegezegdpensioenregelingen. Deze wijzigingen zijn het gevolg van de toepassing van de aanpassingen aan de standaard IAS 19 zoals gepubliceerd in IAS 19 (gewijzigd 2011). Door de toepassing van deze herziene standaard zijn de nettofinancieringslasten voor 2012 verminderd met 22 miljoen euro, van 107 miljoen euro naar 85 miljoen euro. (1)

Geldmiddelen en kasequivalenten per einde boekjaar 122 194 125 125 98

Notering Aandelenbeurs van Brussel
Reuters Ticker AGFAt.BR
Bloomberg Ticker AGFB: BB/AGE GR
Datastream B:AGF

Aandeelhoudersstructuur (24 maart 2016)

Op grond van de informatie waarover de Vennootschap beschikt ingevolge transparantieverklaringen die overeenkomstig de wettelijke en statutaire bepalingen ter zake werden ontvangen, zijn de belangrijkste aandeelhouders momenteel:

  • • Classic Fund Management AG met tussen 5% en 10% van de uitstaande aandelen sinds 1 september 2008;
  • • Dimensional Fund Advisors LP met tussen 3% en 5% van de uitstaande aandelen sedert 5 september 2011.
  • • Norges Bank met tussen 3% en 5% van de uitstaande aandelen sedert 4 januari 2016.

Aangezien de Vennootschap momenteel in het bezit is van 2,39% eigen aandelen, ligt de 'free float' momenteel tussen 77,61% en 86,61%.

Aandeleninformatie
Eerste notering 1 juni 1999
Aantal uitstaande aandelen op 31 december 2014 167.751.190
Beurskapitalisatie op 31 december 2015 879 miljoen euro
EURO 2015 2014 2013 2012 2011
Winst per aandeel 0,37 0,30 0,25 (0,11) (1) (0,44)
Nettobedrijfskasstroom per aandeel 0,89 0,90 0,64 0,19 (0,16)
Brutodividend - - - - -
Beurskoers aan het einde van het jaar 5,24 2,09 1,76 1,33 1,23
Hoogste beurskoers van het jaar 5,40 2,78 1,76 1,75 3,57
Laagste beurskoers van het jaar 1,994 1,73 1,28 1,18 1,03
Gemiddelde volume verhandelde aandelen/dag 389.059 260.663 279.601 283.723 599.290
Gewogen gemiddelde aantal
uitstaande gewone aandelen
167.751.190 167.751.190 167.751.190 167.751.190 167.751.190

(1) Gedurende 2013 heeft de Groep het boekhoudkundig beleid consequent toegepast dat ook in het voorgaande jaar gold, met uitzondering van de gewijzigde regels voor verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding, meer bepaald inzake de bepaling van de pensioenkost van de periode en de nettoverplichting van de toegezegdpensioenregelingen. Deze wijzigingen zijn het gevolg van de toepassing van de aanpassingen aan de standaard IAS 19 zoals gepubliceerd in IAS 19 (gewijzigd 2011). Door de toepassing van deze herziene standaard zijn de overige financieringslasten voor 2012 verminderd met 22 miljoen euro, van 99 miljoen euro naar 77 miljoen euro. Deze herziening heeft tevens een impact gehad op de berekening van de winst per aandeel over 2012, van minus 0,24 euro naar minus 0,11 euro per aandeel.

Shareholder queries
Afdeling Investor Relations
Financiële kalender 2016
Septestraat 27, B-2640 Mortsel, België Jaarlijkse Algemene Vergadering 10 mei 2016
Tel. +32-(0)3-444 7124
Fax +32-(0)3-444 4485
[email protected]
www.agfa.com/investorrelations
Resultaten eerste kwartaal 2016 10 mei 2016
Resultaten tweede kwartaal 2016 25 augustus 2016
Resultaten derde kwartaal 2016 10 november 2016

Uitgegeven door Agfa-Gevaert NV Corporate Communication Septestraat 27 B-2640 Mortsel (België)

T +32 3 444 7124

www.agfa.com

Agfa, de Agfa-rombus en andere vermelde Agfa-producten en -diensten zijn geregistreerde handelsmerken van de Agfa Groep. Ze kunnen in bepaalde jurisdicties geregistreerd zijn in naam van Agfa, België, of een van zijn filialen. Alle andere handelsmerken, productnamen en bedrijfsnamen of -logo's die in dit verslag vermeld worden, zijn eigendom van hun respectieve eigenaars.

Vormgeving Mathildestudios, Grembergen (België)

Talk to a Data Expert

Have a question? We'll get back to you promptly.