AI Terminal

MODULE: AI_ANALYST
Interactive Q&A, Risk Assessment, Summarization
MODULE: DATA_EXTRACT
Excel Export, XBRL Parsing, Table Digitization
MODULE: PEER_COMP
Sector Benchmarking, Sentiment Analysis
SYSTEM ACCESS LOCKED
Authenticate / Register Log In

Agfa-Gevaert NV

Annual Report Apr 10, 2015

3906_10-k_2015-04-10_6ef8f57a-76bc-4162-b0ef-d48ed9790ce4.pdf

Annual Report

Open in Viewer

Opens in native device viewer

Agfa-Gevaert Jaarverslag 2014

Inhoudstafel

  • Brief aan de aandeelhouders
  • Kerncijfers
  • Bedrijfsprofiel
  • Agfa, wereldwijd
  • Hoogtepunten 2014
  • Missie
  • Groei
  • Innovatie
  • Duurzaamheid
  • Werken@Agfa

Jaarverslag van de Raad van Bestuur aan de Aandeelhouders van Agfa-Gevaert NV

  • Commentaar bij de jaarrekeningen Managementinformatie
  • Commentaar bij de Geconsolideerde jaarrekening
  • Commentaar bij de Statutaire jaarrekening
  • Commentaar bij de activiteiten van de businessgroepen
  • Agfa Graphics
  • Agfa HealthCare
  • Agfa Specialty Products

Financieel verslag

  • Verklaring over het getrouwe beeld overeenkomstig het KB van 14 november 2007
  • Geconsolideerde jaarrekening
  • Winst- en verliesrekening
  • Gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten
  • Balans
  • Mutatieoverzicht van het eigen vermogen
  • Kasstroomoverzicht

Toelichtingen bij de Geconsolideerde jaarrekening

    1. Verslaggevende entiteit waarover wordt gerapporteerd
    1. Voorstellingsbasis
    1. Grondslagen voor financiële verslaggeving
    1. Nieuwe standaarden en interpretaties van standaarden gepubliceerd, nog niet van kracht per einde boekjaar
    1. Te rapporteren segmenten
    1. Overnames en afstotingen
    1. Beheer van financiële risico's
    1. Informatie over de aard van de kosten
    1. Overige bedrijfsopbrengsten
    1. Overige bedrijfskosten
    1. Nettofinancieringslasten
    1. Winstbelastingen
    1. Immateriële activa
    1. Materiële vaste activa
    1. Investeringen
    1. Voorraden
    1. Handelsvorderingen, overige vorderingen en overige vlottende activa
    1. Geldmiddelen en kasequivalenten
    1. Eigen vermogen
    1. Personeelsbeloningen
    1. Rentedragende verplichtingen
    1. Voorzieningen
    1. Handelsschulden en overige schulden
    1. Uitgestelde opbrengsten & vooruitbetalingen
    1. Operationele lease-overeenkomsten
    1. Verbintenissen en buitenbalansverplichtingen
    1. Informatieverschaffing over verbonden partijen
    1. Winst per aandeel
    1. Investeringen in dochterondernemingen en investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode
    1. Gebeurtenissen na balansdatum
    1. Informatie met betrekking tot de opdrachten en honoraria van de commissaris
  • Verslag van de Commissaris aan de Algemene Vergadering
  • Statutaire rekeningen

Corporate Governance verklaring

  • Raad van Bestuur
  • Samenstelling van de Raad van Bestuur
  • CV's van de leden van de Raad van Bestuur
  • Comités opgericht door de Raad van Bestuur
  • Auditcomité
  • Benoemings- en Remuneratiecomité
  • Management van de Vennootschap
  • Interne controle- en risicobeheerssystemen met betrekking tot financiële rapportering
  • Beschrijving van de risicofactoren
  • Evaluatie van de Raad van Bestuur en zijn Comités
  • Beleid inzake genderdiversiteit
  • Beleid inzake de besteding van het resultaat
  • Beleid inzake effectenhandel in aandelen van de Vennootschap
  • Belangrijke gebeurtenissen die na 31 december 2014 hebben plaatsgevonden en inlichtingen over de omstandigheden die de ontwikkeling van de Groep aanmerkelijk kunnen beïnvloeden
  • Informatie over de onderzoek- en ontwikkelingsactiviteiten
  • Informatie over het bestaan van bijkantoren van de Vennootschap
  • Informatie over het gebruik van afgeleide financiële instrumenten
  • Commissaris
  • Informatie over belangrijke deelnemingen
  • Informatie over de invoering van de EU-overnamerichtlijn
  • Algemene bedrijfsinformatie
  • Beschikbaarheid van informatie

Remuneratieverslag

  • Vergoedingen
  • Raad van Bestuur
  • CEO
  • Executive Committee
  • Aandelen en opties
  • Verbrekingsvergoeding
  • Duurzaamheidsverslag
  • Milieu
  • Human Resources
  • Woordenlijst

Overzichttabellen 2010-2014

  • Winst- en verliesrekening
  • Balans
  • Kasstroomoverzicht
  • Aandeelhoudersinformatie

De woorden die cursief werden gedrukt, worden verklaard in de Woordenlijst p. 195 - 202.

Brief aan de aandeelhouders

Geachte aandeelhouders,

In 2014 bleven onze activiteiten hinder ondervinden van de globale economische omstandigheden en het onstabiele politieke klimaat in bepaalde regio's. We zijn trots dat we er desondanks in geslaagd zijn om de efficiëntie van onze activiteiten te verhogen. Vier belangrijke verwezenlijkingen springen in het oog. Ten eerste hebben we een sterke nettobedrijfskasstroom gegenereerd. Hierdoor konden we de netto financiële schuld terugdringen tot een heel behoorlijk niveau, ja zelfs tot een historisch laag niveau. Voorts resulteerden onze gerichte efficiëntieprogramma's en de positieve grondstofeffecten in een aanzienlijke verbetering van de brutowinstmarge. Ten derde zijn we er in geslaagd om de reorganisatiekosten en de bedrijfskosten onder controle te houden. Dit alles stelde ons in staat om voor het tweede jaar op rij een positief nettoresultaat te boeken. Tot slot boekten we ook succes met de herfinanciering van de onderneming.

Een negatief punt was het feit dat onze omzet in 2014 onder druk stond. Daarvoor zijn er verschillende redenen te noemen. We denken daarbij aan de voortdurende achteruitgang van onze traditionele filmproducten, de rationalisatie van onze productportfolio, de zwakke conjunctuur – vooral in een aantal opkomende markten – en het onstabiele economische klimaat in bepaalde regio's. Daarnaast speelde in het grootste deel van het jaar ook de sterkte van de euro ten opzichte van de meeste andere munten ons parten. Dit had niet alleen een impact op onze omzet, maar ook op onze concurrentiepositie. Tot slot zien we in de mature markten over het algemeen nog steeds een zwak investeringsklimaat voor bijvoorbeeld IT-projecten en apparatuur. Meer specifiek leed de Groepsomzet onder het effect dat het onzekere investeringsklimaat in de Amerikaanse radiologiemarkt had op de omzet van de businessgroep Agfa HealthCare.

Agfa Graphics

De omzetevolutie van deze businessgroep weerspiegelt de algemene economische zwakte en de maatregelen die we namen om onze productportfolio te rationaliseren. In het segment van de drukvoorbereiding bleven de analoge activiteiten sterk achteruitgaan, terwijl de digitale computer-to-plate-business (CtP) leed onder de concurrentiedruk. Tegen het einde van het jaar begon de omzet van het inkjetsegment zich te herstellen van de effecten van de zwakke wereldeconomie. Dit segment boekte voor het tweede opeenvolgende jaar een bescheiden winst. De meeste inkomsten die hieruit voortvloeiden werden geïnvesteerd in O&O. Dit stelt ons in staat om een nieuw kostenefficiënt en modulair inkjetplatform te introduceren.

Door het succes van gerichte efficiëntieprogramma's enerzijds en positieve grondstofeffecten anderzijds verbeterde de brutowinstmarge van Agfa Graphics aanzienlijk.

In het drukvoorbereidingsegment was een van de voornaamste hoogtepunten van het jaar de introductie van de nieuwe Azura TE-drukplaat voor commerciële drukkers. Omdat de drukplaat op de pers gereinigd wordt, is ze onmiddellijk na de belichting klaar voor gebruik. Het systeem heeft geen chemicaliën of water nodig.

In december ontving Agfa Graphics de prestigieuze 'essenscia Innovation Award 2014' voor zijn lagemigratie-UV-inkten. essenscia is de Belgische federatie van de chemische industrie en life sciences. Deze inkten zijn zo ontworpen dat ze de inhoud van verpakkingen niet contamineren. Dat maakt ze ideaal om er rechtstreeks mee op voedselverpakkingen te drukken.

Agfa HealthCare

De omzet van Agfa HealthCare daalde aanzienlijk door de ongunstige wisselkoerseffecten in de eerste kwartalen van het jaar, de economische zwakte in de meeste opkomende markten en de voortdurende achteruitgang van de traditionele filmproducten in het Imaging-segment. Anderzijds resulteerde de focus die de businessgroep legt op Direct Radiography in een sterke groei in de verkoop van deze producten. De IT-systemen voor radiologie leden onder de veranderde marktomstandigheden in de VS, waar de overheid ziekenhuizen aanzet om in elektronische medische dossiers (Electronic Medical Records – EMR) te investeren, eerder dan in afdelingsgebonden IT. Agfa HealthCare reageert op deze veranderende omstandigheden met oplossingen die het EMR voeden met documenten en medische beelden. Deze strategie begon tegen het einde van het jaar vruchten af te werpen. De positieve effecten ervan zullen ook in 2015 blijven duren.

Op het vlak van Imaging IT Solutions kondigde Agfa HealthCare aan dat het zijn ondernemingsbrede beeldvormingsoplossing (voorheen bekend onder de merknaam ICIS – Imaging Clinical Information System) en zijn afdelingsgebonden beeldvormingssysteem (voorheen IMPAX Agility) liet samensmelten in een volledig geïntegreerd beeldvormingsplatform. Onder de merknaam Agfa HealthCare Enterprise Imaging geeft het platform elke geneeskundige in de afdeling, het ziekenhuis of het regionale ziekenhuisnetwerk de mogelijkheid om voor elke patiënt medische beeldvormingsrapporten te creëren, te delen, te consulteren en te beheren. Door voor iedere patiënt een echt beeldvormingsrapport te creëren, maakt het HealthCare Enterprise Imaging-platform de integratie van medische beelden in elektronische medische dossiers mogelijk.

Agfa Specialty Products

In moeilijke omstandigheden slaagde Agfa Specialty Products erin zijn omzet stabiel te houden. De omzetdaling is enkel te wijten aan de effecten van de lagere zilverprijs. De toekomstgerichte activiteiten van de businessgroep (Security, Synaps Synthetic Paper en Orgacon Electronic Materials), alsook de materialen voor de productie van gedrukte schakelingen presteerden goed doorheen het jaar. Ze vormden een tegenwicht voor de achteruitgang van de traditionele filmproducten van de businessgroep. Bovendien wonnen we de laatste jaren productie van ondermeer grafische film en microfilm van onze concurrenten. Dit bijkomend productievolume is belangrijk voor de rendabele toekomst van onze filmfabriek in Mortsel.

Vooruitblik

Vorig jaar beloofden we dat we vooruitgang zouden boeken op het vlak van onze doelstelling om onze EBITDA naar tien procent van de omzet te brengen.

We beloofden eveneens dat we ons zouden concentreren op het efficiënte beheer van onze kasstromen. De resultaten van het vierde kwartaal tonen aan dat we onze belofte gehouden hebben en dat onze onderneming nu opnieuw klaar is om te groeien.

Dankzij het voortdurend strikte beheer van de kosten verwacht de Agfa-Gevaert Groep in 2015 een recurrent EBITDA-percentage in de buurt van de 10 procent van de omzet af te kunnen leveren.

Hoewel de geopolitieke omstandigheden hoogst onzeker blijven, verwacht de Groep dat ze de daling van de omzet zal kunnen afremmen en uiteindelijk stoppen, voortbouwend op de investeringen in groeimotoren als inkjet, IT voor de gezondheidszorg en directe radiografie. In de VS moet de businessgroep Agfa HealthCare voordeel beginnen te halen uit de organisatorische wijzigingen en de heroriëntering van de portfolio in antwoord op de veranderde marktomstandigheden. Bovendien ziet de Groep de eerste tekenen van verbetering in haar markten in Europa en de VS, alsook groeimogelijkheden in India en bepaalde andere opkomende markten. De zeer lage netto financiële schuld stelt de Groep ook in staat om mogelijke externe groeikansen te onderzoeken. Rekening houdend met al deze elementen, gelooft de Groep dat ze op middellange termijn de omzet tot 3 miljard euro kan doen groeien.

In het jaarverslag dat u nu leest is een gedetailleerd financieel rapport over het voorbije jaar opgenomen. We besteedden veel aandacht aan lay-out en inhoud, wat opnieuw resulteerde in een goed gestructureerd en transparant verslag.

Corporate Governance

Al sinds het Agfa-aandeel in 1999 op de beurzen van Brussel en Frankfurt geïntroduceerd werd, besteedt Agfa-Gevaert veel aandacht aan de ontwikkeling van transparante beleidslijnen voor het bepalen van het bestuur van de onderneming. Veel van onze bestaande beleidslijnen waren dan ook al in overeenstemming met de regels in de Belgische Corporate Governance Code voordat deze eind 2004 werd uitgevaardigd. De achtereenvolgende aanpassingen aan deze Code werden onmiddellijk en integraal verwerkt in het Corporate Governance Charter van onze onderneming.

Vandaag zien we echter dat ook op het vlak van goed bestuur de globalisering is ingezet. Wie op internationaal niveau zaken doet, moet rekening houden met internationale gewoontes. Het volstaat niet om zich te beperken tot de regels die gelden in de thuismarkt.

Tijdens de Algemene Aandeelhoudersvergadering van 2014 werden opmerkingen gemaakt over de manier waarop we rapporteren over ons remuneratiebeleid. Naar aanleiding van deze opmerkingen hebben we dit onderwerp onmiddellijk en grondig onderzocht en besproken met onze aandeelhouders. Het resultaat van deze gespreken met onze aandeelhouders is opgenomen in dit jaarverslag. We zijn overtuigd dat de verduidelijkingen in het Remuneratieverslag in overeenstemming zijn met de verwachtingen van onze aandeelhouders en van de financiële markten in het algemeen. We blijven openstaan voor verdere gesprekken met de belanghebbenden van onze onderneming.

Vorig jaar meldde de Raad van Bestuur ook dat hij initiatieven genomen had om in overeenstemming te komen met de Belgische wet van 28 juli 2011 over de genderdiversiteit op bestuursniveau. We zijn tevreden dat we u vandaag kunnen melden dat mevrouw Hilde Laga en mevrouw Viviane Reding zich kandidaat gesteld hebben om de Raad van Bestuur van onze onderneming te vervoegen. Deze twee dames zijn waardevolle kandidates met sterke en specifieke profielen. Op 12 mei 2015 zullen hun kandidaturen ter goedkeuring worden voorgelegd

aan de Algemene Aandeelhoudersvergadering. Indien ze benoemd worden, zal de ondermening een grote stap gezet hebben in het halen van de toekomstige wettelijke verplichtingen in België.

Meer informatie over de kandidates – inclusief hun cv – vindt u verderop in dit verslag.

Tot slot willen we al onze klanten en verdelers danken voor hun vertrouwen in onze onderneming. We zullen hen blijven dienen met de meest geavanceerde, kwaliteitsvolle en betrouwbare producten en diensten.

We danken ook onze medewerkers voor hun bijdrage aan het succes van de onderneming. In deze moeilijke en uitdagende omstandigheden is het belangrijk dat we allemaal nauw samenwerken om onze doelstellingen te bereiken en om de toekomst van onze onderneming te verzekeren.

Voorts zijn we onze aandeelhouders dankbaar voor hun steun en hun vertrouwen in onze groeistrategie. Voor de uitvoering van deze strategie zullen we alle beschikbare financiële middelen nodig hebben. Daarom zal de Raad van Bestuur aan de Algemene Aandeelhoudersvergadering voorstellen om voor 2014 geen dividend uit te keren.

Julien De Wilde, Voorzitter van de Raad van Bestuur

Christian Reinaudo, CEO van de Agfa-Gevaert Groep

MILJOEN EURO 2014 2013 2012 2011 2010
WINST- EN VERLIESREKENING
Opbrengsten 2.620 2.865 3.091 3.023 2.948
Evolutie t.o.v. vorig jaar (8,6)% (7,3)% 2,2% 2,5% 7,0%
Graphics 1.355 1.491 1.652 1.596 1.565
Aandeel in groepsomzet 51,7% 52,0% 53,5% 52,8% 53,1%
HealthCare 1.069 1.160 1.212 1.177 1.180
Aandeel in groepsomzet 40,8% 40,5% 39,2% 38,9% 40,0%
Specialty Products 197 214 227 250 203
Aandeel in groepsomzet 7,5% 7,5% 7,3% 8,3% 6,9%
Brutowinst 807 834 869 846 998
Winst (verlies) uit bedrijfsactiviteiten 136 163 96 36 234
Nettofinancieringslasten (59) (71) (85) (3) (84) (94)
Winstbelastingen (18) (43) (20) (23) (36)
Winst (verlies) toewijsbaar aan 59 49 (9) (3) (71) 104
Aandeelhouders van de onderneming 50 41 (19) (3) (73) 105
Minderheidsbelangen 9 8 10 2 (1)
Winst (verlies) uit bedrijfsactiviteiten 136 163 96 36 234
Herstructureringskosten en niet-recurrente resultaten (16) 19 (43) (93) (32)
Recurrente EBIT 152 144 139 129 266
Recurrente EBITDA 222 224 225 218 361
KASSTROOM
Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten 151 107 32 (27) 235
Investeringsuitgaven (1) (37) (40) (44) (60) (60)
BALANS - 31 DECEMBER
Eigen vermogen 146 368 169 (4) 995 1.063
Netto financiële schuld 126 217 291 267 161
Nettowerkkapitaal (2) 550 699 808 762 863
Totale activa 2.548 2.568 2.830 2.949 3.086
AANDELENINFORMATIE (EURO)
Winst per aandeel 0,30 0,25 (0,11) (3) (0,44) 0,80
Nettobedrijfskasstroom per aandeel 0,90 0,64 0,19 (0,16) 1,80
Brutodividend 0 0 0 0 0
Boekwaarde per aandeel op jaareinde 0,87 2,19 1,01 (3) 5,93 6,34
Aantal uitstaande aandelen op jaareinde 167.751.190 167.751.190 167.751.190 167.751.190 167.751.190
Gewogen gemiddelde aantal uitstaande
gewone aandelen 167.751.190 167.751.190 167.751.190 167.751.190 130.571.878
PERSONEELSLEDEN (OP HET EINDE VAN HET JAAR, EXCL. TIJDELIJKE CONTRACTEN)
Voltijdse equivalenten (actieven) 10.506 11.047 11.408 11.728 11.766

(1) VOOR IMMATERIËLE ACTIVA EN MATERIËLE VASTE ACTIVA.

(2) VLOTTENDE ACTIVA VERMINDERD MET KORTLOPENDE VERPLICHTINGEN.

(3) GEDURENDE 2013 HEEFT DE GROEP HET BOEKHOUDKUNDIG BELEID CONSEQUENT TOEGEPAST DAT OOK IN HET VOORGAANDE JAAR GOLD, MET UITZONDERING VAN DE GEWIJZIGDE REGELS VOOR VERPLICHTINGEN WEGENS VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING MEER BEPAALD INZAKE DE BEPALING VAN DE PENSIOENKOST VAN DE PERIODE EN DE NETTOVERPLICHTING VAN DE TOEGEZEGDPENSIOENREGELINGEN. DEZE WIJZIGINGEN ZIJN HET GEVOLG VAN DE TOEPASSING VAN DE AANPASSINGEN AAN DE STANDAARD IAS 19 ZOALS GEPUBLICEERD IN IAS 19 (GEWIJZIGD 2011). DOOR DE TOEPASSING VAN DEZE HERZIENE STANDAARD ZIJN DE OVERIGE FINANCIERINGSLASTEN VOOR 2012 VERMINDERD MET 22 MILJOEN EURO, VAN 99 MILJOEN EURO NAAR 77 MILJOEN EURO. DEZE HERZIENING HEEFT TEVENS EEN IMPACT GEHAD OP DE BEREKENING VAN DE WINST PER AANDEEL OVER 2012, VAN MINUS 0,24 EURO NAAR MINUS 0,11 EURO PER AANDEEL.

(4) GEDURENDE 2013 HEEFT DE GROEP HET BOEKHOUDKUNDIG BELEID CONSEQUENT TOEGEPAST DAT OOK IN HET VOORGAANDE JAAR GOLD, MET UITZONDERING VAN DE GEWIJZIGDE REGELS VOOR VERPLICHTINGEN WEGENS VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING MEER BEPAALD INZAKE DE BEPALING VAN DE PENSIOENKOST EN DE NETTOVERPLICHTING VAN DE TOEGEZEGDPENSIOEN-REGELINGEN. DEZE WIJZIGINGEN ZIJN HET GEVOLG VAN DE TOEPASSING VAN DE AANPASSINGEN AAN DE STANDAARD IAS 19 ZOALS GEPUBLICEERD IN IAS 19 (GEWIJZIGD 2011). DOOR DE TOEPASSING VAN DEZE HERZIENE STANDAARD IS DE NETTOVERPLICHTING UIT HOOFDE VAN TOEGEZEGDPENSIOENREGELINGEN OP 1 JANUARI 2013 GESTEGEN MET 786 MILJOEN EURO, ZIJNDE 767 MILJOEN EURO VOOR DE MATERIËLE LANDEN VAN DE GROEP EN 19 MILJOEN EURO VOOR DE ANDERE LANDEN. DEZE IMPACT WERD GEBOEKT IN HET EIGEN VERMOGEN VIA DE INGEHOUDEN WINSTEN VOOR HET GEDEELTE DAT BETREKKING HAD OP DE AANPASSINGEN IN DE BEPALING VAN DE PENSIOENKOST OVER 2012 WAT RESULTEERDE IN EEN STIJGING VAN DE INGEHOUDEN WINSTEN MET 22 MILJOEN EURO; HET OVERIGE BEDRAG ZIJNDE MINUS 808 MILJOEN EURO WERD GEBOEKT IN EEN APARTE LIJN BINNEN HET EIGEN VERMOGEN ZIJNDE 'VERPLICHTINGEN WEGENS VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING: HERWAARDERING VAN DE NETTOVERPLICHTING UIT HOOFDE VAN TOEGEZEGDPENSIOENREGELINGEN'. DE IMPACT VAN DE GEWIJZIGDE REGELGEVING IS GEREFLECTEERD IN DE HERZIENE OPENINGSBALANS PER 1 JANUARI 2012 EN DE BALANS PER 31 DECEMBER 2012 ALSOOK IN HET RESULTAAT OVER 2012. DE IMPACT OP DE BALANS PER 31 DECEMBER 2012 IS HETZELFDE ALS DE IMPACT OP DE BALANS PER 1 JANUARI 2013. DE OPENINGSBALANS OP 1 JANUARI 2012 BEVAT HERWAARDERINGEN VAN DE NETTOVERPLICHTING UIT HOOFDE VAN DE TOEGEZEGDPENSIOENREGELINGEN TEN BELOPE VAN 704 MILJOEN EURO, ZIJNDE 687 MILJOEN EURO VOOR DE MATERIËLE LANDEN VAN DE GROEP EN 17 MILJOEN EURO VOOR DE ANDERE LANDEN.

Bedrijfsprofiel

De Agfa-Gevaert Groep ontwikkelt, produceert en verdeelt een uitgebreid portfolio van analoge en digitale beeldvormingsystemen en IT -oplossingen, voornamelijk voor de grafische industrie, de gezondheidszorgsector en ook voor specifieke industriële toepassingen.

Wereldwijd productieapparaat en verkoopnetwerk

De hoofdzetel en de moedermaatschappij van Agfa bevinden zich in Mortsel, België. De operationele activiteiten van de Groep zijn onderverdeeld in drie onafhankelijke businessgroepen: Agfa Graphics, Agfa HealthCare en Agfa Specialty Products. Elk van deze groepen heeft sterke marktposities, een duidelijk omlijnde strategie en volledige verantwoordelijkheid, bevoegdheid en aansprakelijkheid.

Agfa's grootste productie- en onderzoekscentra zijn gevestigd in België, de Verenigde Staten, Canada, Duitsland, Frankrijk, China en Brazilië. Agfa is wereldwijd commercieel actief via eigen verkooporganisaties in meer dan 40 landen. In landen waar Agfa geen eigen verkooporganisatie heeft, wordt de markt door een netwerk van agenten en tussenpersonen bediend.

Agfa Graphics

Agfa Graphics biedt de grafische industrie geïntegreerde oplossingen voor drukvoorbereiding en voor digitale inkjet. De drukvoorbereidingsoplossingen omvatten verbruiksgoederen, hardware, diensten en software voor productieworkflow-, project- en kleurenbeheer. Met zijn computer-to-film- en computer-toplate-technologie en zijn systemen voor het maken van digitale drukproeven heeft Agfa Graphics een wereldwijde leiderspositie veroverd voor commercieel en verpakkingsdrukwerk en op de krantenmarkt.

Verder bouwt Agfa Graphics zijn positie uit in de digitale drukmarkten. Enerzijds is de businessgroep actief in het sign & display-marktsegment met zijn grootformaat inkjetapparatuur en de aanverwante software, verbruiksgoederen en hoogwaardige inkten. Anderzijds ontwikkelt Agfa Graphics nieuwe digitale drukinktsoorten voor industriële topepassingen zoals labels en verpakkingsmaterialen.

Agfa HealthCare

Agfa HealthCare is een toonaangevende leverancier van systemen voor medische beeldvorming en IT-systemen voor ziekenhuizen en zorgcentra over de hele wereld. De businessgroep is een belangrijke speler op de markt van de medische beeldvorming. Met analoge, digitale en IT-systemen voldoet Agfa HealthCare wereldwijd aan de eisen van gespecialiseerde clinici. Voorts heeft de businessgroep een sleutelrol op de markt van de ziekenhuisbrede IT-systemen. Deze systemen integreren de administratieve, financiële en klinische workflows voor individuele ziekenhuizen en ziekenhuisgroepen. Vandaag biedt Agfa HealthCare aan zorgcentra in meer dan 100 landen toegang tot zijn toonaangevende technologieën en oplossingen, waaronder Clinical Information Systems (CIS) en Hospital Information Systems (HIS), Radiology Information Systems (RIS), Picture Archiving and Communication Systems (PACS), Imaging Data Centers, geavanceerde systemen voor het rapporteren van onderzoeksresultaten, cardiologiesystemen, systemen die het medische beslissingsproces ondersteunen, systemen voor geavanceerde klinische applicaties en gegevensopslag, systemen voor direct radiography (DR) en computed radiography (CR), klassieke röntgenfilmsystemen en contrastmedia.

Agfa Specialty Products

Agfa Specialty Products biedt een brede waaier producten voor grote industriële klanten die niet tot de grafische en gezondheidszorgmarkten behoren. Enerzijds biedt de businessgroep klassieke filmgebaseerde producten aan zoals film voor niet-destructief materiaalonderzoek, cinefilm, film voor luchtfotografie, microfilm en film voor de productie van gedrukte schakelingen (PCB's). Anderzijds richt de businessgroep zich op veelbelovende groeimarkten met innovatieve oplossingen. Voorbeelden hiervan zijn synthetisch papier, geleidende polymeren, materialen voor de productie van beveiligde identiteitsdocumenten en membranen voor de productie van waterstof.

Agfa, wereldwijd

9

Agfa's belangrijkste productie- en O&O-centra

Mortsel, België Heultje, België Gent, België

15

  • Wiesbaden, Duitsland Munchen, Duitsland Bonn, Duitsland Trier, Duitsland
  • Leeds, Verenigd Koninkrijk
  • Pont-à-Marcq, Frankrijk Bordeaux, Frankrijk
  • Macerata, Italië Vallese, Italië
  • Wenen, Oostenrijk

  • Yokneam Elit, Israël

  • Wuxi, China

8

  • Banwol, Zuid-Korea
  • Bushy Park, SC, VS
  • Branchburg, NJ, VS
  • Westerly, RI, VS
  • Thousand Oaks, CA, VS
  • Waterloo, Canada
  • Mississauga, Canada
  • Suzano, Brazilië
  • Recife, Brazilië
  • Varela, Argentinië

Hoogtepunten 2014

Januari

Agfa Graphics introduceert twee uiterst productieve toevoegingen aan zijn gamma van Jeti Titan-grootformaatprinters: Jeti Titan S (speed) en Jeti Titan HS (high speed). 1

Mei

De European Digital Press Association geeft Agfa Graphics onderscheidingen voor zijn Asanti workflowsysteem voor de Sign&Display-markt, zijn Jeti Titan HS-printer en zijn Altamira LM-inkten.

Agfa HealthCare haalt een contract binnen voor de levering van 29 DX-D 600-systemen voor direct radiography aan zorgcentra in de Indische deelstaat West-Bengalen. 2

Juni

Agfa HealthCare wint Premier Inc.'s Supplier Legacy Award voor operationele uitmuntendheid.

September

Agfa Graphics lanceert de campagne 'Ten Years of Azura' naar aanleiding van de tiende verjaardag van zijn vernieuwende en duurzame chemievrije drukplaat. 3

Agfa HealthCare introduceert zijn Fast Forward Digital Radiography Upgrade Program ter ondersteuning van de digitale beeldvormingsevolutie van ziekenhuizen en beeldvormingsafdelingen. 4

Op SGIA wordt Agfa's Jeti Titan HS-printer verkozen tot Product van het Jaar.

Oktober

Agfa HealthCare tekent een belangrijk contract voor de installatie van een ondernemingsbreed beeldvormingsysteem in zeven medische zorgcentra van de US Army Western Region Medical Command.

November

Het synthetisch papier Synaps XM wordt door het Rochester Institute of Technology gecertificeerd voor gebruik op Kodaks digitale kleurendrukpers NexPress. 5

December

Agfa Graphics introduceert de Azura TE-drukplaat voor commerciële drukkerijen. Omdat de drukplaat op de pers gereinigd wordt, is ze onmiddellijk na de belichting klaar voor gebruik.

Agfa ontvangt de prestigieuze 'essenscia Innovation Award 2014' voor zijn lagemigratie-UV-inkten. 6

Missie

"Agfa is toegewijd aan zijn missie: de partner bij uitstek zijn voor beeldvorming- en informatiesystemen in alle markten waarin het actief is, van de grafische industrie over de sector van de gezondheidszorg tot gespecialiseerde industriële markten. Hiertoe bieden we ultramoderne technologieën, betaalbare oplossingen en innovatieve manieren van werken aan op basis van ons diepgaand inzicht in de activiteiten en de individuele noden van onze klanten. Investeren in innovatie en het leveren van oplossingen van topkwaliteit zijn hierbij de sleutelbegrippen. We hechten echter evenveel belang aan een verantwoordelijke, duurzame en transparante manier van werken. We zijn ervan overtuigd dat dit de juiste aanpak is om het langetermijnsucces van onze onderneming te verzekeren."

Christian Reinaudo, CEO van de Agfa-Gevaert Groep

Groei

Al meer dan 100 jaar is Agfa-Gevaert een van de wereldleiders in de beeldvormingsindustrie. Sinds het begin van deze eeuw ondergaat de industrie echter radicale veranderingen. In een periode van tien jaar zijn de analoge, op film gebaseerde kerntechnologieën grotendeels gedigitaliseerd. Dit fundamentele transformatieproces had heel wat gevolgen voor de organisatie, het businessmodel, het innovatiebeleid en het personeelsbeleid van de onderneming.

De overgang van de analoge filmtechnologie naar digitale oplossingen is een onmiskenbaar gegeven, hoewel bepaalde industrietakken en regio's sneller gaan dan anderen. In de grafische industrie en de sector van de gezondheidszorg krimpen de analoge filmmarkten verder. Deze trend werd de voorbije jaren nog versneld door de hoge grondstofprijzen, in het bijzonder de zilverprijs. Het is dan ook vanzelfsprekend dat Agfa-Gevaert de kostenstructuur van zijn filmproductievestigingen aanpast aan deze structurele veranderingen in de filmindustrie.

Door de wereldwijde economische crisis is het belang van de opkomende landen voor de groeistrategie van Agfa-Gevaert's digitale oplossingen verder toegenomen. Ook dit zet de onderneming ertoe aan het personeelsbeleid, de productportfolio en de kostenstructuur aan te passen aan deze veeleisende markten. Ondanks de ongunstige economische omstandigheden heeft Agfa-Gevaert een doelgerichte groeistrategie uitgewerkt die het wil realiseren door organische groei en – waar mogelijk – door doelgerichte en weldoordachte overnames. In de wetenschap dat zijn traditionele markten krimpen, streeft Agfa-Gevaert ernaar de ervaring en de expertise die het door de jaren heen uitgebouwd heeft te gebruiken om actief te worden en verder te groeien in nieuwe domeinen. In deze context investeert de onderneming sterk in de groeimotoren industriële inkjet en IT voor de gezondheidszorg.

Stay Ahead. With Agfa Graphics

Ondanks de groeiende concurrentie van elektronische alternatieven zal drukwerk meerwaarde blijven bieden en een krachtig en essentieel communicatiemiddel blijven. Daarom blijft Agfa Graphics de positie van drukwerk in de totale communicatiemix promoten en speelt de businessgroep in op de trends in de snel evoluerende grafische industrie met weldoordachte strategieën.

Informatiedruk: offset blijft nog jaren de dominante technologie

De markt van de informatiedruk verandert aan hoog tempo. Terwijl drukkers in de opkomende landen doorgaan met hun omschakeling van computer-to-filmtechnologie (CtF) naar computer-to-plate (CtP), vinden de eerste digitale drukpersen hun weg naar de commerciële drukkerijen in de ontwikkelde landen. Tezelfdertijd passen kranten- en magazine-uitgevers hun inhoud aan aan de verwachtingen van de gebruikers van digitale media (e-readers, tablets, …).

Ondanks de toenemende concurrentie van de digitale druktechnologieën en de digitale media is Agfa Graphics er net zoals veel andere spelers in de industrie van overtuigd dat offset nog jaren de dominante technologie zal blijven. De drukwerkvolumes zullen wereldwijd blijven groeien. Dit zal vooral het geval zijn in de opkomende markten, waar de drukindustrie de evolutie van de alfabetiseringsgraad en het bruto nationaal product volgt. Daarenboven besteden bedrijven niet-dringende drukopdrachten uit aan landen waar de kosten lager liggen. In de grotere economieën is er een trend naar het gebruik van meer kleuren en naar kleinere oplages doordat drukwerk meer lokale edities krijgt. Ook deze trends doen het drukplaatverbruik toenemen. Drukkerijen investeren vandaag nog steeds in nieuwe conventionele offsetmachines om hun productiecapaciteit efficiënter te maken en om een hoger rendement op de investering te bekomen. Offset is nog steeds de technologie bij uitstek voor het drukken van grote volumes door de hoge kosten en de beperkte mogelijkheden van de huidige generatie digitale drukalternatieven enerzijds en het feit dat offsetdruksystemen steeds efficiënter worden anderzijds.

Industriële druk: inkjet-technologie wint marktaandeel

In de industrie van uithangborden en displays staan de traditionele druktechnologieën onder druk van de grootformaat-inkjettechnologie. Nieuwe drukkerijen

Agfa-Gevaert - Jaarverslag 2014

in dat segment beginnen meteen digitaal te drukken en bestaande drukkerijen installeren geavanceerde digitale systemen als aanvulling op of ter vervanging van hun traditionele systemen. De nieuwe technologieën helpen hen bij het verhogen van hun efficiëntie en bij het uitbreiden van hun dienstenaanbod aan hun klanten. Het wordt algemeen aangenomen dat inkjet duidelijk het best geplaatst is om voor het grootse deel van de industrie de technologie bij uitstek te worden. Hoewel elektronische billboards ook aan belang winnen, is Agfa Graphics ervan overtuigd dat de grootformaat-inkjettechnologie de komende jaren gestaag zal blijven groeien. Verwacht wordt dat het offensief van de innovatieve inkjettechnologieën nog sterker zal zijn voor de nieuwe industriële druktoepassingen. Glaswerk, meubilair, vloertegels, gordijnen, verpakking en labels worden steeds meer bedrukt en deze toepassingen kunnen niet door digitale alternatieven vervangen worden.

Agfa Graphics' strategie: innovatie, groei, kostenefficiëntie

Om succesvol te zijn in de uitdagende grafische industrie heeft Agfa Graphics een duidelijke strategie uitgewerkt, gebaseerd op drie pijlers: innovatie, groei en kostenefficiëntie.

Innovatie

Agfa Graphics investeert in de verbetering en uitbreiding van zijn innovatieve productaanbod en zijn technologische positie in drukvoorbereiding en inkjet.

Op het vlak van de drukvoorbereiding zijn de innovaties gericht op kostenefficiëntie, ecologie en gebruiksgemak. De businessgroep investeert in efficiënte en krachtige oplossingen die klanten in staat stellen om hun concurrentiekracht te verhogen, om rendabele groei te realiseren en om de ecologische voetafdruk van hun drukkerij te verkleinen.

Op het vlak van inkjet zal Agfa Graphics blijven investeren in zijn brede gamma efficiënte en kwaliteitsvolle grootformaatsystemen en in zijn uitgebreid aanbod aan UV-inkten voor industriële inkjet-toepassingen. Het ontwikkelen van kwaliteitsvolle, doch betaalbare inkjetsystemen en -producten is de boodschap.

Groei

Agfa Graphics is ervan overtuigd dat de markt van de drukvoorbereiding de komende jaren nieuwe consolidatiegolven zal ondergaan. Als een huidige marktleider in CtP-drukplaten wil Agfa Graphics de drijvende kracht achter de consolidatie zijn en zijn aandeel in deze onder druk staande markt verder uitbreiden. Agfa Graphics verwacht ook voor de markt van de grootformaat-inkjetsystemen een soortgelijke consolidatiedynamiek. Daarom wil het zijn marktaandeel in dit segment uitbreiden. Agfa Graphics heeft de ambitie om met zijn grootformaatsystemen een van de drie grootste spelers te worden in de op UV-inkjet gebaseerde sign&display-markt. Voorts wil de businessgroep een stevige positie opbouwen met de digitale drukinkten voor nieuwe industriële toepassingen.

Kostenefficiëntie

Met recht en reden eisen klanten de hoogste kwaliteit aan concurrerende prijzen. Daarom is kostenefficiëntie een van de belangrijkste aandachtspunten van Agfa Graphics. Er gaat veel aandacht naar structurele hervormingen op operationeel vlak, in de supply chain en in de distributie. De businessgroep past de operationele structuur voortdurend aan aan de evolutie in de markten.

Agfa HealthCare: Insight. Delivered.

Zorgaanbieders streven voortdurend naar hogere kwaliteit, snellere service en verhoogde tevredenheid bij de patiënten. Tegelijkertijd worden ze echter door verschillende maatschappelijke trends onder druk gezet om de kosten te drukken. Hoewel de huidige economische omstandigheden enerzijds een aantal overheden dwingen om te snoeien in de budgetten voor gezondheidszorg en anderzijds ziekenhuizen ertoe aanzetten om investeringen uit te stellen, wordt algemeen erkend dat digitalisering en IT noodzakelijk zijn om een evenwicht te bewerkstelligen tussen de kwaliteit van de zorgverlening, de veiligheid van de patiënt en de kostenefficiëntie.

Een belangrijke drijfveer voor de transformatie van de gezondheidszorg is de evolutie van de wereldbevolking. Volgens voorspellingen van de Verenigde Naties, zou de wereldbevolking tegen 2050 tot 9,6 miljard kunnen aangroeien. Voorts wordt verwacht dat het percentage 60-plussers tegen 2050 zou kunnen groeien van ongeveer 23% vandaag tot ongeveer 32% in de ontwikkelde landen en van ongeveer 9% tot ongeveer 19,5% in minder ontwikkelde landen. Aangezien de behoefte aan gezondheidszorg sterk verbonden is met leeftijd zet deze evolutie overal ter wereld de zorgsystemen onder druk. Ze maakt duidelijk dat een verhoging van de productiviteit noodzakelijk is om de groeiende patiëntenstroom op een kostenefficiënte manier te kunnen beheren.

Verbonden met de veroudering van de bevolking en met de dramatische verandering in de levensstijl van de mensen is de snelle ontwikkeling van chronische ziekten. Dit zorgt ervoor dat de focus verschuift van de curatieve geneeskunde naar de preventieve geneeskunde en dat het aantal diagnostische beeldvormingsprocedures toeneemt.

Zich bewust van de noodzaak om oplossingen te vinden die kwaliteit met kostenefficiëntie combineren, promoten regeringen en lokale overheden de introductie van digitale technologieën, IT en e-health-systemen. Dit geldt niet enkel voor de Westerse wereld, maar ook voor de opkomende markten met sterke economische groeicijfers.

IT-systemen die alle relevante gegevens over de patiënt bundelen, ze op een gestructureerde manier bij het medisch personeel brengen, alsook de medische besluitvormingsprocessen ondersteunen, zijn een hoeksteen van de hedendaagse zorgverstrekking geworden. Bijgevolg investeren autoriteiten en zorgaanbieders meer en meer in Electronic Patient Records en Electronic Health Records (EPR/EHR).

De informatisering heeft ertoe geleid dat patiënten beter geïnformeerd zijn. De opkomst van het internet als publieke informatiebron heeft de patiënten geëmancipeerd. Ze gaan actiever op zoek naar het zorgcentrum dat het beste aan hun behoeften voldoet.

Agfa HealthCare's strategie: de digitalisering aandrijven en de patiëntenzorg verbeteren door integratie

Beeldvorming

Agfa HealthCare streeft ernaar om zijn gunstige uitgangspunt in de radiologieafdelingen te gebruiken om bestaande en nieuwe klanten bij te staan in hun omschakeling van analoge systemen naar digitale radiografie- en IT-systemen. Agfa HealthCare blijft investeren in de verdere uitbreiding van zijn brede gamma digitale radiografiesystemen om te kunnen voldoen aan de behoeftes van alle zorgaanbieders, van onafhankelijke beeldvormingscentra en kleine ziekenhuizen in opkomende landen tot toonaangevende universitaire ziekenhuizen met meerdere beeldvormingsafdelingen. Met zijn systemen en met zijn support en services wil Agfa HealthCare elke zorgorganisatie de kans geven om de overstap naar digitale beeldvorming te maken. De businessgroep streeft ernaar hoge kwaliteit te combineren met kostenefficiëntie. Met zijn brede gamma systemen voor digitale radiografie, software die de efficiëntie verhoogt en generische contrastmedia helpt Agfa-HealthCare zijn klanten om hun medische beeldvorming betaalbaar te houden.

In 2014 kondigde Agfa HealthCare zijn Fast Forward Digital Radiography Upgrade Program aan. Het programma heeft tot doel ziekenhuizen en beeldvormingsafdelingen te steunen bij hun digitale evolutie. Zorgcentra die in het programma stappen worden ondermeer stapsgewijs begeleid om zo veel mogelijk voordelen uit digitale radiografie te halen.

Bovendien speelt Agfa HealthCare in op de vraag naar minder invasieve visualisatietechnologieën met een groeiend aanbod aan revolutionaire oplossingen zoals software voor virtuele colonoscopie of niet-invasieve beeldvormingstechnologie voor de visualisering van de huidmorfologie en voor het opmeten van dimensies in huidlagen.

IT

Imaging IT Solutions

Het is Agfa HealthCare's ambitie om de voorkeurspartner te zijn voor alle types van klanten, van kleine ziekenhuizen die een digitale workflow willen installeren in hun radiologieafdelingen tot grote regionale ziekenhuisnetwerken die de productiviteit in al hun vestigingen willen verhogen. De businessgroep streeft ernaar om alle klanten actief te ondersteunen bij het beheer van hun beeldvormingsworkflow, zowel in de radiologieafdeling als in andere afdelingen die intensief met medische beelden werken.

Bovendien wil Agfa HealthCare een toonaangevende rol spelen in de verdere opgang van e-health en van geïntegreerde medische rapporten die cruciale patiëntengegevens beschikbaar maken voor alle relevante zorgverstrekkers. Agfa HealthCare ontwikkelt oplossingen die – ongeacht de leverancier – medische beelden integreren in het Electronic Health Record (EHR), wat zorgt voor een efficiëntere samenwerking over de medische disciplines heen, voor een snellere diagnose en een betere patiëntenzorg.

Healthcare Information Solutions

Met zijn ORBIS Hospital Information en Clinical Information Systems (HIS/CIS) en zijn HYDMedia-systemen voor ziekenhuisbreed content management helpt Agfa HealthCare ziekenhuizen om hun organisatie in al haar aspecten te beheren. Voor Healthcare Information Solutions is Agfa HealthCare's strategie

tweeledig. Enerzijds zal Agfa HealthCare zijn systemen verder uitbouwen met klinische functionaliteiten en mobiele workflows om zelfs de meest veeleisende klanten te geven wat ze verlangen. Anderzijds streeft de businessgroep ernaar om haar positie in haar huidige markten te consolideren en om haar systemen geleidelijk in bijkomende landen te introduceren.

Agfa Specialty Products: expertise en innovatie.

Voor de meeste industriële toepassingen worden klassieke op film gebaseerde technologieën vervangen door digitale alternatieven. Sommige industrietakken evolueren sneller dan andere, maar in het algemeen verloopt de achteruitgang van de filmactiviteiten gestaag. Om de uitdagingen in zijn markten het hoofd te bieden heeft Agfa Specialty Products een duidelijke strategie uitgewerkt, gebaseerd op twee pijlers:

  • Ten eerste streeft Agfa Specialty Products ernaar om zijn positie in de Classic Filmmarktsegmenten te consolideren. Deze segmenten staan voor een groot deel in voor de periodieke omzet van de businessgroep. Om zijn filmproducten in de krimpende markten te kunnen blijven verkopen, concentreert Agfa Specialty Products zich op kostenefficiëntie en efficiënte productie, zonder daarbij de kwaliteit uit het oog te verliezen. De overblijvende klanten een goed product leveren aan concurrentiële prijzen is cruciaal. Met dit doel voor ogen tekende Agfa Specialty Products met zorgvuldig geselecteerde zakenpartners langetermijnovereenkomsten voor de levering van film en chemicaliën.
  • Ten tweede investeert Agfa Specialty Products in de creatie en uitbreiding van toekomstgerichte productfamilies op basis van zijn knowhow op het vlak van PET, coating en chemicaliën. De activiteiten op het vlak van Functional Foils en Advanced Coatings & Chemicals genereren geleidelijk een aanzienlijke en rendabele inkomstenstroom ter aanvulling van de periodieke inkomsten van de traditionelere, op film gebaseerde verbruiksgoederen. In deze context blijft de businessgroep investeren in onderzoek en ontwikkeling, marketing en productie.

Innovatie

Agfa-Gevaert beschouwt innovatie als een belangrijk element voor de realisatie van zijn groeistrategie zoals die in de vorige pagina's beschreven werd. Elk jaar investeert Agfa tussen vijf en zes procent van zijn omzet aan O&O. De laatste jaren ontving de onderneming ook leningen en subsidies van verscheidene internationale en nationale organisaties en overheden ter ondersteuning van de O&O-strategie. Dit gaf Agfa de mogelijkheid om te investeren in nieuwe O&O-infrastructuur, om nieuwe projecten op te starten en om nieuwe onderzoekers aan te trekken.

Agfa Graphics

Inkjet

In 2014 ging Agfa Graphics door met het uitbreiden en verbeteren van zijn brede gamma inkjetproducten en -systemen. Zo introduceerde de businessgroep verscheidene nieuwe grootformaatdrukmachines.

De hybride UV-inkjetprinters van de nieuwe Anapurna i-reeks zijn tot 75% productiever dan hun voorgangers. Het gamma Jeti Titan-vlakbedprinters werd uitgebreid met twee nieuwe leden. De Jeti Titan S (Speed) en HS (High Speed) zijn bedoeld voor indoor- en outdoor-toepassingen. Aan de scherpste prijzen in de markt combineren ze uitzonderlijke drukkwaliteit met hoge productiviteit. De robuuste machines werken met de nieuwe generatie inkjet-printkoppen. Terwijl de Jeti Titan S uitgerust is met één rij printkoppen, heeft de Jeti Titan HS twee rijen voor een nog hogere productiviteit.

Agfa Graphics ging ook door met de uitbreiding van zijn gamma UV-inkten voor gebruik in de eigen inkjetsystemen en in die van systeemintegratoren die digitale drukoplossingen ontwerpen voor verschillende toepassingen, waaronder verpakkingen, labels, productdecoratie en beveiligingsdrukwerk.

In december ontving Agfa Graphics de prestigieuze 'essenscia Innovation Award 2014' voor zijn lagemigratie-UV-inkten. essenscia is de Belgische federatie van de chemische industrie en life sciences. Met deze award wil de federatie bedrijven aanzetten om te vernieuwen en om hun intellectuele eigendom te beschermen. Doordat de lagemigratie-inkten erg snel drogen, kunnen ze de inhoud van verpakkingen niet contamineren. Dat maakt deze inkten ideaal om rechtstreeks te drukken op onder meer voedselverpakkingen, labels en blisterfolies.

Tijdens de eerste InPrint-vakbeurs (georganiseerd in Hannover, Duitsland), demonstreerde Agfa Graphics hoe inkjettechnologie bedrijven in staat kan stellen om druksystemen in hun industriële productielijnen te integreren. In dit segment van de markt zijn Agfa Graphics' troeven de ontwikkeling van UV-inkjetinkten voor specifieke toepassingen en de diepgaande kennis op het vlak van de integratie van alle mogelijke elementen in een industrieel inkjetdrukproces.

Drukvoorbereiding

Agfa Graphics is een pionier op het vlak van thermische en violette drukplaten en de bijhorende apparatuur en op het vlak van chemievrije computer-to-platetechnologie. Deze technologie verkleint de ecologische voetafdruk van haar gebruikers, terwijl ze ook de efficiëntie van hun drukvoorbereidingsactiviteiten vergroot.

In 2014 tilde Agfa Graphics de chemievrije technologie naar een hoger niveau met de introductie van zijn nieuwe Azura TE-drukplaat voor commerciële drukkerijen. Omdat de drukplaat op de pers gereinigd wordt, is ze onmiddellijk na de belichting klaar voor gebruik. Het systeem werkt zonder chemicaliën en water. Het verlaagt het energieverbruik en heeft minder onderhoud nodig. Kortom, Azura TE maakt de activiteiten milieuvriendelijker en verlaagt de kosten. Nog in het commerciële segment van de drukvoorbereidingsmarkt introduceerde Agfa Graphics met Apogee 9 een nieuwe versie van zijn op PDF gebaseerde workflowsysteem. Apogee 9 geeft drukkers de mogelijkheid om hun workflow te automatiseren en om hun activiteiten uit te breiden met grootformaatinkjetdruk. Voorts introduceerde de businessgroep een nieuwe versie van het Apogee StoreFront-systeem. Met deze op de cloud gebaseerde web-to-print-oplossing kunnen drukkers webwinkels creëren en beheren voor hun offset- en digitale drukwerk.

In het krantensegment van de drukvoorbereidingsmarkt introduceerde Agfa Graphics de nieuwe Advantage N-TR HS-plaatbelichter. Aan snelheden tot 350 drukplaten per uur helpt het systeem krantenuitgevers om ruimere redactionele en advertentiedeadlines te hanteren. Voorts lanceerde de businessgroep Arkitex Production, het nieuwe workflowsysteem voor krantenuitgevers. Op het vlak van mobile publishing introduceerde Agfa Graphics nieuwe ontwikkelingen voor zijn Eversify-software. Eversify automatiseert de workflow voor het publiceren van krantenartikels op verschillende draagbare toestellen, zoals tablets en smartphones.

Agfa Graphics is ook een innovator op het vlak van veiligheidsdrukwerk. In 2014 bracht Agfa Graphics een nieuwe versie uit van zijn ontwerpsoftware voor veiligheidsdrukwerk. Fortuna beschermt onder meer paspoorten, identiteitskaarten, officiële documenten en tickets tegen vervalsing.

Agfa HealthCare

Agfa HealthCare streeft ernaar om zowel in beeldvorming als in IT geïntegreerde oplossingen aan te bieden op maat van de klant. De businessgroep investeert zo voortdurend in de modernisering van de gezondheidszorgsector. In zijn streven naar meer kwaliteitsvolle, efficiënte en patiëntgerichte zorgprocedures werkt Agfa HealthCare samen met universiteiten, onderzoekcentra, ziekenhuizen en overheden. Een voorbeeld van Agfa HealthCare's innovatiecultuur is zijn onderzoekprogramma EUREKA. Het programma dat in 2011 werd opgestart, heeft als doel het creatieve potentieel van de eigen medewerkers ten volle te benutten. Dit gebeurt door een omgeving te creëren die innovatie mogelijk maakt en die mensen aanzet om hun ideeën te delen. Eén van de doelstellingen van het programma is het aanmoedigen van zowel incrementele als ontwrichtende vernieuwingen die een belangrijke impact op de gezondheidszorg kunnen hebben. EUREKA heeft al heel wat projectvoorstellen opgeleverd. Verscheidene projecten bevinden zich momenteel in de prototype- of ontwikkelingsfase.

Voor medische beeldvorming biedt Agfa HealthCare een compleet gamma traditionele röntgenfilmproducten, hardcopyfilm en -printers en systemen voor computed radiography (CR) en direct radiography (DR). Vandaag bevatten Agfa HealthCare's filmproducten minder zilver dan de producten van de concurrentie. De businessgroep streeft ernaar om het zilvergehalte in de filmproducten nog te verminderen en om deze producten nog milieuvriendelijker en kostenefficiënter te maken.

Bovendien investeert Agfa HealthCare in de ontwikkeling van vernieuwende digitale beeldvormingsystemen. Een van de voornaamste aandachtspunten is het verminderen van de röntgenstralendoses zonder in te boeten op beeldkwaliteit. In oktober 2014 kreeg Agfa HealthCare een FDA-vergunning voor zijn DX-D Imaging-pakket, dat bestaat uit op cesium gebaseerde CR- en DR-systemen. Deze systemen zorgen ervoor dat de stralingsdoses verminderd kunnen worden, wat vooral van groot belang bij onderzoeken op pasgeborenen en kinderen. Het recent geïntroduceerde DX-D Retrofit-systeem maakt deel uit van het DX-D Imaging-pakket. Het systeem biedt zorgcentra een makkelijke en betaalbare manier om op basis van hun bestaande röntgenapparatuur over te stappen op direct radiography.

Op het vlak van IT voor de gezondheidszorg investeert Agfa HealthCare in O&O en werkt het samen met academische en zakelijke partners voor de voortdurende verbetering van zijn PACS- (Picture Archiving and Communication Systems), en

RIS-systemen (Radiology Information Systems) alsook van zijn systemen voor het rapporteren van en het verwerken van onderzoeksresultaten. Op de vakbeurs RSNA 2014 kondigde Agfa HealthCare aan dat het zijn ondernemingsbrede beeldvormingsoplossing (voorheen bekend onder de merknaam ICIS – Imaging Clinical Information System) en zijn afdelingsgebonden beeldvormingssysteem (voorheen IMPAX Agility) liet samensmelten in een volledig geïntegreerd beeldvormingsplatform. Onder de merknaam Agfa HealthCare Enterprise Imaging geeft het platform elke geneeskundige in de afdeling, het ziekenhuis of het regionale ziekenhuisnetwerk de mogelijkheid om voor elke patiënt medische beeldvormingsrapporten te creëren, te delen, te consulteren en te beheren. Het HealthCare Enterprise Imaging-platform creëert dus een echt beeldvormingsrapport met alle medische beelden van de patiënt, ongeacht de afdeling of het zorgcentrum waar ze gemaakt zijn. Hierdoor wordt de integratie van medische beelden in Electronic Health Records werkelijkheid.

Tot slot evalueert en verbetert Agfa HealthCare zijn ORBIS Hospital Information System (HIS)/Clinical Information System (CIS) en zijn documentbeheersysteem HYDMedia voortdurend. Omdat het aanpassen van deze omvangrijke internationale basissystemen aan de specifieke vereisten van het nationale zorgsysteem van een land grote O&O-investeringen vraagt, introduceert Agfa HealthCare zijn ondernemingsbrede IT-systemen slechts geleidelijk in nieuwe markten.

Agfa Specialty Products

Alle activiteiten van Agfa op het vlak van onderzoek en ontwikkeling voor materialen werden gecentraliseerd in het Agfa Materials Technology Center. Opbasis van kerncompetenties op het vlak van polyester en coating en van goed omlijnde technologieplatformen ondersteunt het centrum de innovatie en het onderzoek van alle businessgroepen van Agfa. Via het Agfa-Labs-initiatief kunnen ook derden beroep doen op de knowhow en de onderzoeksinfrastructuur van het centrum.

Duurzaamheid

Een wereldwijde aanpak

Voor Agfa is duurzaamheid een element van de activiteiten dat voor alle belanghebbenden langetermijnwaarde moet creëren. Overal ter wereld investeert de onderneming in afval- en recyclageprogramma's, duurzame energieproductie, duurzame logistiek en in de recyclage van verpakking en water.

Als wereldwijde onderneming erkent Agfa de noodzaak om de milieuprestaties constant te verbeteren, zowel in de eigen activiteiten als bij de klant, door het aanbieden aan milieuvriendelijke producten en systemen. Deze combinatie geeft Agfa de mogelijkheid om de balans tussen de winstgevendheid enerzijds en de sociale impact en de milieu-impact anderzijds te optimaliseren en dus te streven naar duurzaam ondernemen.

Agfa heeft een lange traditie van goed burgerschap. De onderneming streeft naar rendabele groei, maar hecht tegelijkertijd veel waarde aan de impact van zijn activiteiten op de omgeving, aan de gezondheid en veiligheid van zijn medewerkers en aan de relaties met alle belanghebbenden. Agfa doet dit al vele jaren op vrijwillige basis en in veel gevallen gaat de onderneming verder dan wat de wet oplegt.

Agfa's management is er dan ook vast van overtuigd dat het – met de juiste instelling – niet meer moeite kost om te ondernemen op een verantwoorde, duurzame en transparante manier. Ondernemers die bereid zijn om de platgetreden paden te verlaten, zullen bovendien nieuwe mogelijkheden zien ontstaan.

Agfa's producten zijn ontworpen, ontwikkeld en geproduceerd op een manier die ervoor zorgt dat de productie, de opslag, het transport en het gebruik ervan, evenals het afvalbeheer op het einde van de levenscyclus, een minimale impact op het milieu hebben.

RESPONSIBLE CARE

Agfa verbindt zich ertoe om:

  • duurzame ontwikkelingsconcepten in te voeren met de bedoeling de natuurlijke rijkdommen te conserveren voor de volgende generaties;
  • een managementsysteem aan te houden dat doelstellingen bepaalt, beoordeelt en blijft ontwerpen voor verbetering op het vlak van productstewardship, milieubescherming, veiligheid in de vestigingen, risicopreventie, veiligheid en gezondheid op het werk;
  • alle medewerkers en het publiek te informeren over de huidige status en de resultaten van de onderneming en om een dialoog te onderhouden (en actief in te gaan op hun meningen en verzoeken) waarmee rekening gehouden wordt bij de ontwikkeling van toekomstige bedrijfsobjectieven.

Agfa Graphics

Op het vlak van duurzaamheid is Agfa Graphics een voorloper in de grafische industrie. De businessgroep biedt zijn klanten de middelen om het gebruik van giftige chemicaliën te elimineren, om het afvalvolume terug te dringen, om het inkt- en waterverbruik te verminderen en om energie te besparen. Zijn chemievrije drukplaten zijn het perfecte voorbeeld van een milieuvriendelijk product dat echt een verschil maakt. Agfa Graphics is er trots op de technologieleider en marktleider voor chemievrije drukplaten te zijn. In het segment van de drukvoorbereiding was een van de belangrijkste hoogtepunten van 2014 de introductie van de nieuwe Azura TE-drukplaat voor commerciële drukkerijen. Omdat de drukplaat op de pers gereinigd wordt, is ze onmiddellijk na de belichting klaar voor gebruik. Het systeem werkt zonder chemicaliën en water.

Naast zijn inkjetapparatuur blijft Agfa Graphics ook UV-inkten voor inkjet ontwikkelen. In tegenstelling tot solventinkten, bevatten de UV-inkten van Agfa Graphics geen solventen of VOS. Bovendien is er maar weinig energie nodig om UV-inkten te drogen, wat een belangrijk voordeel is ten opzichte van inkten op waterbasis. Bij de selectie van de reactieve monomeren voor zijn UV-inkten houdt Agfa Graphics steeds rekening met de mogelijke gezondheids- en veiligheidsaspecten van deze stoffen.

De softwaresystemen van Agfa Graphics zijn krachtige middelen voor drukkerijen die efficiëntie, kwaliteit en duurzaamheid hoog in het vaandel dragen. Agfa Graphics ontwikkelt voortdurend nieuwe toevoegingen aan zijn workflowsoftwarepakketten voor commerciële drukkerijen en voor kranten. Deze softwarepakketten bieden commerciële drukkers en krantendrukkers oplossingen die tijd, geld en afval besparen. Dat gebeurt bijvoorbeeld door het gebruik van papieren 'job jackets' overbodig te maken of door het inktverbruik met maximaal 25% te verminderen. Zij stellen drukkers ook in staat om minder droogpoeder te gebruiken en om de opstarttijd voor hun drukpersen te verkorten. Dit zorgt voor een aanzienlijke vermindering van papier- en inktafval. Bovendien zorgen deze toepassingen voor een stabieler verloop van de drukopdrachten.

Agfa Graphics steunt zijn klanten actief in hun omschakeling naar groenere werkwijzen. In Noord-Amerika, bijvoorbeeld, creëerde Agfa Graphics het Environmental Recognition Awards Program. Met dit programma erkent en eert de businessgroep de drukkers die milieuvriendelijke processen steunen, promoten en in hun activiteiten integreren. Sinds 2007 erkende Agfa Graphics reeds meer dan 200 drukkerijen in de VS en in Canada.

Agfa HealthCare

Met de groeiende wereldbevolking in gedachten investeert de businessgroep Agfa HealthCare voortdurend in de ontwikkeling van beeldvormings- en ITsystemen die helpen om de gezondheidszorg voor de komende generaties betaalbaar en duurzaam te houden. Agfa HealthCare steunt ziekenhuizen actief bij hun inspanningen om vernieuwende beeldvormingsystemen in gebruik te nemen en informatiesystemen te installeren die al hun medische en administratieve afdelingen in één virtueel netwerk verenigen. De digitalisering van de gezondheidszorg brengt niet alleen voordelen op het vlak van efficiëntie en kostenbeheersing. Agfa's vernieuwende oplossingen helpen ook om de ecologische voetafdruk van de gezondheidszorg te verkleinen. Ze verminderen bijvoorbeeld het gebruik van verbruiksgoederen en chemicaliën en ze elimineren het transport van gegevens op film en papier tussen afdelingen of vestigingen van een ziekenhuis.

Agfa HealthCare verbindt zich tot het ontwikkelen en vermarkten van producten en oplossingen die minder afval genereren, de röntgenstralingsdoses verminderen en de levensduur van de bestaande gezondheidszorginfrastructuur van ziekenhuizen verlengen. Doorheen de jaren is Agfa HealthCare geëvolueerd van een aanbieder van röntgenfilm tot een specialist in digitale radiografie en IT voor de gezondheidszorg. Agfa HealthCare steunt zijn klanten actief bij hun overgang van analoge naar digitale radiografie, of van chemisch ontwikkelde film naar 'droge' film, wat eveneens een aanzienlijke vermindering van de röntgenstralingsdosis meebrengt.

Dankzij Agfa HealthCare's beeldverwerkingsoftware kunnen radiologen beschikken over digitale beelden van hoge kwaliteit, geschikt voor diagnose vanaf een computerscherm. Met zijn Picture Archiving and Communication Systems (PACS) en Radiology Information Systems (RIS) biedt Agfa HealthCare radiologieafdelingen (en andere afdelingen die intensief met beelden werken) de middelen om efficiënt medische beelden van verscheidene beeldvormingsmodaliteiten op te slaan, te beheren en te verdelen.

Zorgorganisaties kunnen eveneens al hun beeldintensieve afdelingen samenbrengen in één digitaal netwerk, zelfs als die afdelingen zich in verschillende vestigingen bevinden. Met de data center-technologie van Agfa HealthCare is het zelfs mogelijk om de gegevens van alle beeldintensieve afdelingen van alle zorgorganisaties in een hele regio centraal te bewaren. Digitale radiografie en geavanceerde IT-systemen voor beeldvorming verminderen het verbruik van natuurlijke rijkdommen en van energie doordat het kopiëren van files en het transport van data op fysieke dragers vermeden wordt.

Agfa HealthCare treedt ook buiten de grenzen van de medische beeldvorming. Met zijn ORBIS Hospital Information System/Clinical Information System en zijn elektronische archiveringsysteem HYDMedia is de onderneming eveneens actief in de markt voor de ondernemingsbrede IT. Met deze systemen kan Agfa HealthCare medische afdelingen en administratieve afdelingen van ziekenhuizen in één virtueel netwerk verbinden. De ondernemingsbrede IT-systemen geven ziekenhuizen niet alleen de mogelijkheid om de productiviteit op te trekken, de zorgverstrekking te verbeteren en kosten te besparen. Ze helpen zorgcentra eveneens om hun ecologische voetafdruk te verkleinen door het gebruik van papieren documenten te verminderen en de nood aan opslagruimte te verkleinen.

Agfa Specialty Products

De businessgroep Agfa Specialty Products streeft ernaar duurzame producten aan te bieden aan zijn industriële klanten. Voorts werkt de businessgroep met verscheidene partners samen aan de ontwikkeling van producten voor milieuvriendelijke industrietakken.

Agfa Specialty Products levert materialen voor een grote verscheidenheid aan markten en toepassingen. Wanneer producten ontwikkeld of verbeterd worden, zijn duurzaamheid, recycleerbaarheid en herbruikbaarheid steeds belangrijke aandachtspunten. Verscheidene producten van de businessgroep worden gebruikt in milieuvriendelijke toepassingen.

Agfa commercialiseert zijn Synaps-papieren voor een groeiend aantal druktoepassingen. Synaps is gebaseerd op PET-film. Het is volledig recycleerbaar en herbruikbaar. Voor de markt van de smartcards biedt Agfa zijn gamma PETixmaterialen aan. Gebaseerd op PET-technologie zijn de PETix-materialen zeer betrouwbaar en robuust. PETix verlengt de levensduur van de smartcards, waardoor de ecologische voetafdruk van de kaartproductie aanzienlijk beperkt wordt.

Agfa Specialty Products verkoopt ook Zirfon Pearl-separatormembranen voor de productie van waterstof. Moderne installaties voor waterstofproductie gebruiken de Zirfon Pearl-membranen om hun efficiëntie en productiviteit te verbeteren. Voortbouwend op zijn kerncompetenties op het vlak van polyestersubstraten en chemische deklagen ontwikkelt Agfa Specialty Products bouwstenen voor toepassingen op het vlak van hernieuwbare energie. Een goed voorbeeld hiervan zijn Agfa's Arzona backsheet foils voor de productie van zonnepanelen.

BELEID OP HET VLAK VAN VEILIGHEID, GEZONDHEID EN MILIEU

Agfa's algemene beleidslijnen:

  • Verregaande milieubescherming en maximale veiligheid zijn even prioritair als productkwaliteit en operationele efficiëntie;
  • Producten worden ontworpen, ontwikkeld en geproduceerd op een manier die ervoor zorgt dat het productieproces, het transport, de opslag en het gebruik van de producten, evenals het afvalbeheer op het einde van de levenscyclus, een minimale impact op het milieu hebben;
  • Agfa verbindt zich er toe systematisch veilige en vanuit milieuoogpunt aanvaardbare producten en productieprocessen te ontwikkelen;
  • Agfa adviseert zijn klanten, zijn werknemers en de relevante overheden met een evaluatie van zijn producten en productieprocessen over alles wat te maken heeft met gezondheid, veiligheid en milieu;
  • Agfa beperkt zich niet tot het louter voldoen aan de wettelijke verplichtingen m.b.t. het milieu. Het zal op eigen initiatief en gebaseerd op het eigen verantwoordelijkheidsgevoel bijkomende maatregelen nemen.

Werken@Agfa

Agfa werkt reeds enkele jaren aan een uitgebreid transformatieproces. Van een marktleider in analoge beeldvorming wil de onderneming evolueren tot een internationale speler op het vlak van digitale beeldvorming- en druksystemen en van IT-oplossingen. De belangrijkste doelmarkten zijn de grafische industrie en de sector van de gezondheidszorg. Om van het project een succes te maken is het essentieel dat alle medewerkers van de onderneming de krachten bundelen.

In de loop van dit proces verlaat Agfa steeds meer het vertrouwde terrein van de op film gebaseerde beeldvormingstechnologie en betreedt het nieuwe, snel evoluerende technologiedomeinen. Tezelfdertijd evolueert de onderneming van het louter verkopen van verbruiksgoederen naar het aanbieden van totaaloplossingen die apparatuur, diensten en verbruiksgoederen inhouden. Uiteraard heeft dit een sterke impact op de benodigde werknemersprofielen. Innovatie, flexibiliteit, technische vaardigheden, marktkennis en ondernemerszin zijn van cruciaal belang.

Innovatie is essentieel voor de ontwikkeling van nieuwe producten en oplossingen. Deze producten introduceren en succesvol nieuwe markten betreden is onmogelijk zonder afdoende ondernemersvaardigheden. Enerzijds vraagt het onder de knie krijgen van de vaardigheden die nodig zijn om te slagen heel wat inspanningen. Anderzijds is het ook nodig dat mensen open staan voor mobiliteit en verandering. In één woord: flexibiliteit.

Agfa's HR-beleid is gericht op de ontwikkeling van een aantal processen op het vlak van training, leiderschap, interne mobiliteit en prestatiemanagement. Bovendien gaat veel aandacht naar veiligheid, communicatie en gelijke rechten.

In 2012 werd binnen de onderneming wereldwijd het intern mobiliteitsprogramma geïntroduceerd als een fundamentele component van Agfa's personeelsbeleid. Hierbij streeft Agfa ernaar de juiste werknemer in de juiste functie op het juiste moment en de juiste locatie te hebben aan de juiste kost. Met die bedoeling zoekt Agfa constant de juiste balans tussen competenties aantrekken van buiten het bedrijf, intern competenties ontwikkelen en de algemene inzetbaarheid verhogen door werknemers te stimuleren om succesvol van de ene functie naar de andere over te stappen.

Nog in 2012 werd de invoering van het trainings- en ontwikkelingsprogramma Leading@Agfa voortgezet. Het programma is gericht op alle Agfa-managers. Het geeft hun toegang tot tools die helpen bij zelfanalyse alsook tot pakketten voor zelftraining en groepstrainingsessies in verband met de verschillende aspecten van leiderschap.

Op het intranet van de onderneming werd een Academy Learning Platform gecreëerd dat toegankelijk is voor alle Agfa-collega's. In deze online trainingscatalogus vinden ze productgerelateerde trainingstools, alsook trainingsprogramma's op het vlak van communicatie, management en klantgerichtheid.

TOEWIJZING WERKNEMERS

[1] CORPORATE CENTERS 0,6%

[2] GLOBAL SHARED SERVICES 5,5%

[3] AGFA GRAPHICS BUSINESSGROEP 34,0%

[4] AGFA HEALTHCARE BUSINESSGROEP 41,1% [5] AGFA MATERIALS/AGFA SPECIALTY PRODUCTS

BUSINESSGROEP 18,8%

Begin 2012 werd een nieuw prestatiemanagementproces geïntroduceerd. Het motto van dit proces is 'It's up to you!'. In het nieuwe proces worden de doelstellingen voor elke werknemer beter afgestemd op de algemene doelstellingen van de onderneming. Bovendien wordt de werknemer nauwer betrokken bij het beoordelingsproces. Veel aandacht gaat ook naar het persoonlijke ontwikkelingsplan.

In 2013 werd het drempelverlagende 'Boost Your Brain'-programma gelanceerd dat werknemers ertoe moet aanzetten om zich voortdurend bij te scholen. Iedere maand werd op het intranet een selectie gepromoot van e-learning cursussen rond een bepaald thema van 'soft skills'.

HR kerncijfers

Eind 2014 telde Agfa 11.233 werknemers, wat overeenkomt met 10.846 voltijdse equivalenten.

Eind 2013 bedroeg het aantal voltijdse equivalenten 11.404,5 en eind 2012 was dat 11.787.

Van het totale aantal van 11.233 werknemers hebben 210 werknemers een tijdelijk contract.

Het totale aantal werknemers wordt als volgt opgedeeld:

  • Corporate Centers: 65 werknemers,
  • Global Shared Services (HR, ICS, Aankoop, …): 614 werknemers,
  • Businessgroep Agfa Graphics: 3.820 werknemers,
  • Businessgroep Agfa HealthCare: 4.621 werknemers,
  • Businessgroep Agfa Materials/Agfa Specialty Products: 2.113 werknemers.

Alle personeelsleden, met uitzondering van de werknemers die tot het Corporate Center of tot de Global Shared Services (ICS, HR en Aankoop) behoren en de inactieve werknemers, zijn toegewezen aan een specifiek te rapporteren segment.

De productie-eenheid Materials is de combinatie van het specifieke deel van het te rapporteren segment Agfa Specialty Products en de productie van filmverbruiksgoederen wereldwijd. Bedrijfsopbrengsten en -kosten en bedrijfsactiva en -verplichtingen die betrekking hebben op het Corporate Center en de Global Shared Services, alsook op de productie van filmverbruiksgoederen, worden verdeeld over de verschillende te rapporteren segmenten met behulp van verdeelsleutels zoals beschreven in toelichting 3.17.

De landen waar Agfa de meeste werknemers heeft (> 500 werknemers) zijn België, Duitsland, de VS, Frankrijk en Canada.

Het aandeel van de vrouwelijke werknemers in het totale personeelsbestand is licht gestegen van 21,7% eind 2013 tot 21,8%. Het aandeel vrouwen in managementposities bleef stabiel op 18,6%.

In 2014 werden 605 werknemers door Agfa aangeworven of in dienst genomen bij een overname. 1.102 werknemers verlieten de onderneming ten gevolge van een combinatie van a) vrijwillig vertrek (ontslagnemers); b) reorganisatie en individuele contractbeëindiging op initiatief van Agfa en c) pensionering.

Agfa HealthCare telde de meeste aanwervingen, gevolgd door Agfa Graphics.

Jaarverslag van de Raad van Bestuur aan de Aandeelhouders van Agfa-Gevaert NV

De Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert NV heeft de eer u het gecombineerde jaarverslag over het boekjaar dat eindigde op 31 december 2014, in overeenstemming met de artikels 96 en 119 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen, voor te stellen. Dit jaarverslag bevat een Corporate governance verklaring en een remuneratieverslag.

AANDEEL IN DE GROEPSOPBRENGSTEN 2014

per businessgroep

Commentaar bij de jaarrekeningen

Commentaar bij de Geconsolideerde jaarrekening

Omzet

De omzet van de Agfa-Gevaert Groep daalde met 8,6% tegenover het voorgaande jaar tot 2.620 miljoen euro (2.865 miljoen euro in 2013). De omzetdaling vertraagde kwartaal na kwartaal door de gerichte programma's ter ondersteuning van de groeimotoren van de businessgroepen enerzijds en de geleidelijk verbeterende situatie op de wisselkoersmarkten anderzijds. Zonder wisselkoerseffecten zou de daling 7,5% bedragen. De Groepsomzet leed onder de voortdurende achteruitgang van de traditionele filmactiviteiten, de rationalisatie van de productportfolio, de zwakte van de algemene conjunctuur en de onstabiele politieke situatie in bepaalde regio's. Het onzekere investeringsklimaat in het radiologiesegment van de Amerikaanse zorgsector woog op de omzet van de businessgroep Agfa HealthCare.

De omzet van Agfa Graphics daalde met 9,1% tot 1.355 miljoen euro (2013: 1.491 miljoen euro). Zonder wisselkoerseffecten bedroeg de daling 8,8%. De omzetevolutie weerspiegelt de algemene economische zwakte en de maatregelen om de productportfolio te rationaliseren. In het segment van de drukvoorbereiding bleven de analoge activiteiten sterk achteruitgaan, terwijl de digitale computer-to-plate-business (CtP) leed onder de concurrentiedruk. Tegen het einde van het jaar begon de omzet van het inkjetsegment zich te herstellen van de effecten van de zwakke wereldeconomie.

Sterk beïnvloed door ongunstige wisselkoerseffecten in de eerste kwartalen van het jaar, daalde de omzet van Agfa HealthCare met 7,8% tot 1.069 miljoen euro (2013: 1.160 miljoen euro). Zonder wisselkoerseffecten bedroeg de daling 5,6%. De omzet leed onder de economische zwakte in de meeste opkomende markten en onder de voortdurende achteruitgang van de traditionele filmproducten in het Imaging-segment. In de digitale radiografiebusiness (bestaande uit Computed Radiography, Direct Radiography en hardcopy) bleef de omzet van de DR-technologie sterk groeien. In het IT-segment bleven de IT-systemen voor radiologie kampen met de veranderende marktomstandigheden in de VS, waar de overheid ziekenhuizen aanzet om in elektronische medische dossiers (Electronic Medical Records – EMR) te investeren, eerder dan in afdelingsgebonden IT. Agfa HealthCare reageert op deze veranderende omstandigheden met oplossingen die het EMR voeden met documenten en medische beelden. Deze strategie begon tegen het einde van het jaar vruchten af te werpen.

RECURRENTE EBIT (1) (miljoen euro)

(1) VOOR REORGANISATIEKOSTEN EN NIET-RECURRENTE RESULTATEN

WINST UIT DE BEDRIJFSACTIVITEITEN

RESULTAAT OVER DE PERIODE (miljoen euro)

Vooral door de lagere zilverprijs daalde de omzet van Agfa Specialty Products tot 197 miljoen euro (2013: 214 miljoen euro). De toekomstgerichte activiteiten van de businessgroep (vooral de Security-business, de Synaps Synthetic Paper-producten en de Orgacon Electronic Materials-business) en de materialen voor de productie van gedrukte schakelingen presteerden goed doorheen het jaar.

Met 51,7% van de omzet blijft Agfa Graphics de grootste businessgroep. Agfa HealthCare zorgt voor 40,8% en Agfa Specialty Products voor 7,5% van de Groepsomzet.

In 2014 werd 40,1% van de Groepsomzet in Europa geboekt (2013: 39,9%). NAFTA stond in voor 24,7% (2013: 25,0%), Azië/Oceanië/Afrika voor 26,0% (2013: 25,7%) en Latijns-Amerika voor 9,2% (2013: 9,4%).

Resultaten

De brutowinstmarge van de Groep kwam uit op 30,8% van de omzet. Deze aanzienlijke verbetering is toe te wijzen aan het succes van de gerichte efficiëntieprogramma's en aan positieve grondstofeffecten.

Dankzij het succes van de gerichte projecten ter verbetering van de efficiëntie en door gunstige grondstofeffecten, verbeterde de brutowinstmarge van Agfa Graphics aanzienlijk van 26,2% van de omzet in 2013 tot 28,3%. De recurrente EBITDA bereikte 100,4 miljoen euro (7,4% van de omzet). De recurrente EBIT groeide met meer dan 15% tot 70,0 miljoen euro (5,2% van de omzet). De brutowinstmarge van Agfa HealthCare groeide van 34,9% van de omzet in 2013 tot 36,6%. De rendabiliteit werd ondersteund door de succesvolle efficiëntieprogramma's van de businessgroep en door gunstige grondstofeffecten. De recurrente EBITDA bereikte 114,4 miljoen euro (10,7% van de omzet). De recurrente EBIT verhoogde tot 79,4 miljoen euro (7,4% van de omzet).

Agfa Specialty Products' recurrente EBITDA bedroeg 10,9 miljoen euro (5,5% van de omzet) en de recurrente EBIT kwam uit op 6,6 miljoen euro (3,4% van de omzet).

De verkoop- en algemene beheerskosten bedroegen 19,2% van de omzet.

Nadat het productportfolio van de Groep de voorbije jaren werd gerationaliseerd bleven de O&O-kosten in 2014 stabiel op 146 miljoen euro (2013: 146 miljoen euro).

De recurrente EBITDA (de som van Graphics, HealthCare, Specialty Products en het niet-toegewezen deel) verbeterde van 7,8% van de omzet in 2013 tot 8,5% in 2014. De recurrente EBIT bereikte 5,8% van de omzet, tegenover 5,0% in 2013.

KERNCIJFERS BALANS

(miljoen euro)

VOORRADEN (miljoen euro/dagen)

HANDELSVORDERINGEN (1)

(miljoen euro/dagen)

(1) MINUS UITGESTELDE OPBRENGSTEN EN VOORUITBETALINGEN.

NETTOKASSTROMEN UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN

HANDELSSCHULDEN (miljoen euro/dagen)

NETTO FINANCIËLE SCHULD (miljoen euro)

Een aantal gerichte acties stelden de Groep in staat om de reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten te beperken tot een kost van 16 miljoen euro. In 2013 werd een inkomst van 19 miljoen euro geboekt ten gevolge van de effecten van de stopzetting van het plan voor medische kosten na pensionering in de VS en van andere gerichte acties op het vlak van pensioenverplichtingen.

De nettofinancieringskosten bedroegen 59 miljoen euro, tegenover 71 miljoen euro in 2013. De belastingen kwamen uit op 18 miljoen euro, tegenover 43 miljoen euro in het voorgaande jaar.

De winst uit bedrijfsactiviteiten daalde van 163 miljoen euro in 2013 tot 136 miljoen euro in 2014. De winst voor belastingen bedroeg dus 77 miljoen euro in 2014 (2013: 92 miljoen euro in 2013).

De nettowinst verbeterde met 20,4 procent tot 59 miljoen euro. Ondanks de economische tegenwind slaagde de Groep er in om voor het tweede opeenvolgende jaar een positief nettoresultaat te boeken.

Balans

Aan het eind van het jaar bedroegen de totale activa 2.548 miljoen euro, tegenover 2.568 miljoen euro eind 2013.

Werkkapitaal

De voorraden bedroegen 512 miljoen euro (of 102 dagen). De handelsvorderingen (min de uitgestelde omzet en vooruitbetalingen) bedroegen 413 miljoen euro (52 dagen) en de handelsschulden 230 miljoen euro (46 dagen).

Financiële schuld

Een positieve kasstroomgeneratie maakte een sterke daling van de netto financiële schuld tot een historisch laag niveau van 126 miljoen euro mogelijk. Dit tegenover 217 miljoen euro aan het eind van 2013. Eind 2014 bedroeg de gearing ratio van de Groep 86%.

Pensioenverplichtingen

In 2014 stegen de nettopensioenverplichtingen voor de materiële landen met 272 miljoen euro, voornamelijk ten gevolge van een lage discontovoet.

Eigen vermogen

Het eigen vermogen bedroeg 146 miljoen euro, tegenover 368 miljoen euro eind 2013.

Kasstroom

De nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten, die ook rekening houden met veranderingen in het werkkapitaal, bedroegen in 2014 151 miljoen euro.

De investeringsuitgaven kwamen uit op 37 miljoen euro.

Conclusie

In 2014 bleven Agfa's activiteiten hinder ondervinden van de globale economische omstandigheden en van het onstabiele politieke klimaat in bepaalde regio's. Ondanks deze moeilijke omstandigheden is de onderneming er in geslaagd de efficiëntie van zijn activiteiten te verhogen. Vier belangrijke verwezenlijkingen springen daarbij in het oog. Ten eerste heeft Agfa een sterke nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten gegenereerd. Dit stelde de onderneming in staat om de netto financiële schuld terug te dringen tot een heel behoorlijk en historisch laag niveau. Voorts resulteerden de gerichte efficiëntieprogramma's en de positieve grondstofeffecten in een aanzienlijke verbetering de onze brutowinstmarge. Ten derde slaagde Agfa er in om de reorganisatiekosten en de bedrijfskosten onder controle te houden. Dit alles maakte het mogelijk om voor het tweede opeenvolgende jaar een positief nettoresultaat te boeken. Tot slot kon Agfa de onderneming met succes herfinancieren.

Dankzij het voortdurend strikte beheer van de kosten gelooft de Agfa-Gevaert Groep in 2015 een recurrent EBITDA-percentage in de buurt van de 10 procent van de omzet af te kunnen leveren.

Hoewel de geopolitieke omstandigheden hoogst onzeker blijven, verwacht de Groep dat ze de daling van de omzet zal kunnen afremmen en uiteindelijk stoppen, voortbouwend op de investeringen in groeimotoren als inkjet, IT voor de gezondheidszorg en directe radiografie. In de VS moet de businessgroep Agfa HealthCare voordeel beginnen te halen uit de organisatorische wijzigingen en de heroriëntering van de portfolio in antwoord op de veranderde marktomstandigheden. Bovendien ziet de Groep de eerste tekenen van verbetering in haar markten in Europa en de VS, alsook groeimogelijkheden in India en bepaalde andere opkomende markten. De zeer lage netto financiële schuld stelt de Groep ook in staat om mogelijke externe groeikansen te onderzoeken. Rekening houdend met al deze elementen, gelooft de Groep dat ze op middellange termijn de omzet tot 3 miljard euro kan doen groeien.

Commentaar bij de Statutaire jaarrekening Agfa-Gevaert NV

De jaarrekening zoals ze zal worden voorgelegd aan de Algemene Vergadering van 12 mei 2015, werd door de Raad van Bestuur aan de waarderingsregels getoetst en in die vorm goedgekeurd.

Aan de Algemene Vergadering zullen de hierna volgende punten in het bijzonder ter goedkeuring worden voorgelegd: de jaarrekening sluit met een te bestemmen verlies voor het boekjaar 2014 van 45.500.770,79 euro.

Er wordt voorgesteld om dit verlies als volgt toe te wijzen: een vermindering van het overgedragen resultaat met 45.500.770,79 euro. Hierdoor bedraagt het overgedragen resultaat 385.038.944,39 euro.

De Raad van Bestuur stelt vast uit de resultatenrekening dat de vennootschap in twee opeenvolgende jaren een verlies heeft geleden. Artikel 96, 6° van het Wetboek van Vennootschappen vereist dat de Raad van Bestuur de waarderingsregels in de veronderstelling van continuïteit verantwoordt. Aangezien echter de continuïteit van een houdstervennootschap, zoals Agfa-Gevaert NV, in hoofdzaak afhankelijk is van deze van de geconsolideerde groep in haar geheel verwijst de Raad van Bestuur naar de verdere daling van de netto financiële schuld op groepsniveau ten gevolge van een sterke netto operationele kasstroom gerealiseerd tijdens 2014 en van de niet-opgenomen beschikbare kredietfaciliteiten op balansdatum. Bovendien heeft de Groep voor 2015 de doelstelling om de daling van de omzet stop te zetten en op groepsniveau een EBITDA te realiseren van rond de 10% van de geconsolideerde omzet.

Toelichtingen bij de belangrijkste posten van de jaarrekening

In 2014 realiseerde de vennootschap een omzet van 509,5 miljoen euro. Dit is tegenover de omzet van 2013 (613,7 miljoen euro) een daling met -17,0%. Deze daling wordt verklaard door een daling van de prijzen (-7,3%), een volume/mix daling (-9,4%) en een negatief wisselkoersverschil (-0,4%).

De bedrijfswinst bedraagt voor 2014 29,2 miljoen euro. Dit is een vermindering tegenover 2013 van 15,1 miljoen euro. Dit is voornamelijk ten gevolge van het feit dat de resultaten van Agfa-Gevaert NV & Co. KG sinds 2014 niet meer mee opgenomen zijn in de resultaten van Agfa-Gevaert NV (zie verdere toelichting). De bedrijfswinst van Agfa-Gevaert NV & Co. KG bedroeg 22,9 miljoen euro in 2013.

De vennootschap besteedde in België in 2014 10,6 miljoen euro aan onderzoek en ontwikkeling.

In 2014 is het personeelsaantal van Agfa-Gevaert NV in België met 81 eenheden gedaald tot 2.256 personeelsleden per 31.12.2014. Deze daling is de resultante van de aanwerving van 62 medewerkers, terwijl 143 medewerkers het bedrijf verlieten.

Agfa-Gevaert NV & Co. KG, een transparante entiteit waarvan de resultaten tot 2013 mee in de cijfers van Agfa-Gevaert NV zijn opgenomen, werd per 1 januari 2014 omgevormd tot een Duitse GmbH. Vanaf dat moment is deze vennootschap als dochteronderneming opgenomen in de deelnemingen van Agfa-Gevaert NV. De vaste inrichting van de vennootschap in het Verenigd Koninkrijk boekte in 2014 een verlies van 7.426.502,15 euro.

Agfa Graphics

Agfa Graphics heeft tot doel om de voornaamste leverancier te zijn van geïntegreerde drukvoorbereidingssystemen voor commerciële en krantendrukkerijen en om een toonaangevende leverancier te zijn van digitale systemen voor het drukken van borden en displays en van industrieel drukwerk. Het wil grafische bedrijven in staat stellen om rendabele groei te realiseren en om hun concurrenten voor te blijven. Agfa Graphics levert geïntegreerde systemen. Deze systemen zijn zowel vernieuwend en betrouwbaar als duurzaam en competitief geprijsd. Ze geven klanten de mogelijkheid om zich op een kostenefficiënte manier aan te passen aan de nieuwe eisen van de markt. Het aanbod van Agfa Graphics omvat verbruiksgoederen, apparatuur, software en diensten. Het combineert eigen technologieën en knowhow met die van toonaangevende producenten.

Agfa Graphics in 2014

MILJOEN EURO 2014 2013 % evolutie
Omzet 1.355 1.491 -9,1%
Recurrente EBITDA (1) 100,4 97,9 2,6%
% van de omzet 7,4% 6,6%
Recurrente EBIT (1) 70,0 60,7 15,3%
Resultaten uit bedrijfsactiviteiten 55,1 39,5 39,5%

(1) VOOR REORGANISATIEKOSTEN EN NIET-RECURRENTE RESULTATEN.

De omzet van Agfa Graphics daalde met 9,1% tot 1.355 miljoen euro. Zonder wisselkoerseffecten bedroeg de daling 8,8%. De omzetevolutie weerspiegelt de algemene economische zwakte en de maatregelen om de productportfolio te rationaliseren. In het segment van de drukvoorbereiding bleven de analoge activiteiten sterk achteruitgaan, terwijl de digitale computer-to-plate-business (CtP) leed onder de concurrentiedruk. Tegen het einde van het jaar begon de omzet van het inkjetsegment zich te herstellen van de effecten van de zwakke wereldeconomie.

Dankzij het succes van de gerichte projecten ter verbetering van de efficiëntie en door gunstige grondstofeffecten, verbeterde de brutowinstmarge van Agfa Graphics aanzienlijk van 26,2% van de omzet in 2013 tot 28,3%. De recurrente EBITDA bereikte 100,4 miljoen euro (7,4% van de omzet). De recurrente EBIT groeide met meer dan 15% tot 70,0 miljoen euro (5,2% van de omzet).

Betrouwbare partner voor professionele drukkers

Agfa Graphics is een toonaangevende leverancier van geïntegreerde drukvoorbereidingsystemen en geavanceerde inkjetsystemen. Overal ter wereld vertrouwen professionele drukkers en uitgevers op de ervaring en uitmuntende technologie van de businessgroep. Agfa Graphics is zowel in het marktsegment van de 'informatiedruk' als in het marktsegment van de 'industriële druk' actief. Het informatiedruksegment van de grafische industrie is de wereld van de krantendrukkers en de commerciële drukkers, die onder meer magazines, brochures en boeken produceren. In dit segment is offsetdruk de meest gebruikte technologie. Het industriële druksegment is meer gespecialiseerd. Het gebruikt veel verschillende technologieën om een grote verscheidenheid aan drukwerk te creëren. Agfa Graphics onderscheidt in dit segment enerzijds toepassingen op het vlak van borden en displays (sign & display) en anderzijds 'nieuwe industriële toepassingen', zoals textiel, vloerbedekking, tegels en verpakkingen.

Drukvoorbereiding

De term drukvoorbereiding duidt op de processen voorafgaand aan het eigenlijke drukproces. De drukvoorbereidingsactiviteiten beginnen nadat de beslissingen over de layout van het drukwerk genomen zijn en eindigen waar het eigenlijke drukken start. Tijdens deze voorbereidende fases worden teksten en beelden bijeengebracht in een layout, wordt de kwaliteit van kleuren gecontroleerd, worden bladzijden op de juiste plaats gezet en worden digitale drukproeven gemaakt. Na goedkeuring worden deze pagina's klaargemaakt voor het drukproces. Bij offsetdruk worden ze belicht op een drukplaat. Dit gebeurt rechtstreeks met computer-to-plate-technologie (CtP), of via het tussenmedium film, met computer-to-film-technologie (CtF). Hierna wordt de belichte drukplaat op de drukpers gemonteerd. In een industrie waarin efficiëntie centraal staat, ruimen de analoge CtF-systemen baan voor digitale CtP-technologie. Door de tussenstappen in het proces te elimineren, geeft CtP de drukker de mogelijkheid om meer drukopdrachten uit te voeren en om de controle op het productieproces te verhogen zonder daarvoor meer mensen in dienst te moeten nemen.

Drukkers vertrouwen op Agfa Graphics' apparatuur, verbruiksgoederen (zoals grafische film en drukplaten), software en diensten voor bijna elke stap in het voorbereidende proces. De softwarepakketten van de businessgroep bevatten workflowsoftware, op de cloud gebaseerde web-to-print-oplossingen, technologie

Agfa-Gevaert - Jaarverslag 2014

voor het maken van digitale proefdrukken en voor het rasteren van bestanden, alsook tools die zorgen voor consistentie in kleur en kwaliteit. Software is een sleutelonderdeel van de totale oplossing die aan de drukkers wordt aangeboden. De softwaresystemen automatiseren het drukvoorbereidingsproces, garanderen een betere kwaliteit en verhogen de kostenefficiëntie.

Hoewel Agfa Graphics' drukvoorbereidingsystemen vooral gericht zijn op het informatiedruksegment van de grafische industrie, levert de businessgroep ook drukvoorbereidingstechnologie aan klanten die gespecialiseerd zijn in offset-en flexodruk voor verpakkingstoepassingen.

Agfa Graphics' drukvoorbereidingtechnologie wordt door meer dan 100.000 commerciële drukkerijen gebruikt. Bovendien wordt wereldwijd de helft van de kranten geproduceerd met technologie van Agfa Graphics. De businessgroep levert wereldwijd bijna een derde van alle digitale drukplaten. Het is de duidelijke marktleider op het vlak van milieuvriendelijke chemievrije drukplaten. Voorts is Agfa Graphics een van de weinige nog overgebleven leveranciers van CtF-film.

Inkjet

De meeste mensen associëren de term 'inkjet' met de printers die ze dagelijks thuis en op kantoor gebruiken. Dat is echter niet de doelmarkt van Agfa Graphics. De businessgroep levert ultramoderne grootformaatinkjetmachines, UV-inkten en media. Drukkers van borden en displays en klanten gespecialiseerd in 'nieuwe' industriële druktoepassingen gebruiken de oplossingen van Agfa Graphics om te drukken op zeer veel verschillende substraten voor een steeds groeiende verscheidenheid aan toepassingen, zoals borden, posters en displays, promotiemateriaal, verpakking en decoratie.

Inkjet is nu het belangrijkste alternatief voor zeefdruk- en flexodruktechnologie. Voor het drukken van borden, displays en bepaalde decoratieve toepassingen kan grootformaat-inkjet zelfs oplossingen bieden die geen conventioneel alternatief hebben.

Commerciële successen

Ook in 2014 konden Agfa Graphics' vernieuwende drukvoorbereiding- en inkjetsystemen opnieuw talrijke nieuwe klanten over de hele wereld overtuigen.

Drukvoorbereiding

In het commerciële druksegment kon Agfa Graphics zijn positie als technologieen marktleider voor chemievrije computer-to-plate-technologie (CtP) bevestigen. Om hun ecologische voetafdruk te verkleinen, bestellen klanten vaak volledige drukvoorbereidingsystemen van Agfa Graphics, bestaande uit ultramoderne Avalon-plaatbelichters, Apogee-software en verbruiksgoederen. Een centrale plaats in deze oplossingen is weggelegd voor het Azura-gamma van chemievrije drukplaten. Wanneer een nieuwe drukplaat aan de Azura-familie wordt toegevoegd, vindt ze snel haar weg naar klanten over de hele wereld. De Azura TUdrukplaat voor grote volumes, bijvoorbeeld, werd geïntroduceerd in het vierde kwartaal van 2013. Bij de eerste bedrijven die met deze nieuwe technologie in zee gingen waren Tap Grafiche (Italië), Grafiche Baroncini (Italië), Autumn Press (VS), Stephens & George Print Group (VK) en Fast Proof Press (Australië). De laatste jaren is Japan een zeer belangrijke markt geworden voor Agfa Graphics' Azura-drukplaten. Het is dan ook geen toeval dat Agfa Graphics naar aanleiding van de tiende verjaardag van de Azura-technologie zijn campagne 'Ten Years of Azura' op gang trapte tijdens een gezamenlijke persconferentie met het Japanse bedrijf Daicolo. Daicolo is wereldwijd de belangrijkste gebruiker van Azura en het eerste bedrijf ter wereld dat voor 1 miljoen m² aan Azuradrukplaten verbruikt heeft. In deze tien jaar is Azura de meest gebruikte chemievrije drukplaat ter wereld geworden.

Voorts bleef Agfa Graphics ook op het vlak van workflowsoftware zijn klantenbestand uitbreiden. Op het einde van het jaar waren wereldwijd meer dan 8.000 Apogee-systemen geïnstalleerd.

Ook in het krantensegment van de grafische industrie ontdekken steeds meer drukkers de voordelen van milieuvriendelijke drukvoorbereidingtechnologie die hen niet alleen in staat stelt om hun impact op het milieu te verkleinen, maar ook om efficiënter te werken en om hun kosten te drukken. Net zoals in het commerciële segment geeft Agfa Graphics de toon aan. 60% van alle drukplaten voor kranten die de businessgroep in 2014 wereldwijd verkocht zijn chemievrije drukplaten van het type N94-VCF. Onder meer de volgende klanten gingen in 2014 in zee met Agfa Graphics en gebruiken nu elk twee Advantage N TR XXT plaatbelichters: Druckhaus Ulm-Oberschwaben GmbH & Co. KG (Duitsland), Artes Graficas del Principado, S.L. (Diario La Nueva Espana – Spanje) en Celta de Artes Graficas, S.L. (Spanje).

Agfa Graphics is ook wereldleider op het vlak van workflowsoftware voor de automatisering van de productie van gedrukte kranten. Uitgevers kunnen deze workflowsystemen ter plekke in de drukvoorbereidingsafdeling bedienen, maar Agfa Graphics biedt ze ook aan als 'cloud'-oplossing. Nog een steeds populairder wordend cloud-systeem is Eversify, een workflowoplossing voor het aanmaken van digitale kranten voor verschillende mobiele toestellen zoals tablets en smartphones. Een typisch voorbeeld van een nieuwe Eversify-gebruiker is de Duitse lokale krant Mindener Tageblatt. In 2014 werd gestart met een digitale editie voor mobiele toestellen. Alle stappen in het productie- en publicatieproces worden gedaan met Eversify.

Inkjet

In 2014 bleef Agfa Graphics zijn positie in het grootformaatsegment van de digitale drukindustrie verder uitbreiden met zijn aanbod van Anapurna- en Jetiprinters. Het Asanti-workflowsysteem wordt door klanten van Agfa Graphics vaak genoemd als belangrijk voordeel tegenover concurrerende grootformaatmachines. In het lagere marktsegment bleef het aantal geïnstalleerde Anapurna-grootformaatprinters gestaag groeien.

Ook de Jeti-vlakbedprinters bleven overal ter wereld drukkers overtuigen van hun uitmuntende drukkwaliteit en hun hoge productiesnelheden. Geïntroduceerd in het eerste kwartaal van 2014, zijn de uiterst productieve drukmachines Jeti Titan S en HS de nieuwe paradepaardjes in het Jeti-gamma. Voorbeelden van bedrijven die deze systemen al installeerden zijn Phase 3 Marketing & Communications (VS), XL Media Group (Oeganda, Angola en Congo), Bestia Gráfica (Argentinië), Kseroplast-Plus (Polen), Catalyst Graphics (Australië), De Lite Engineering / Al Hubedyia (Koeweit) en Albion Screen Printing (Canada).

Tijdens de 2014 SGIA Expo in Las Vegas werd de Jeti Titan HS verkozen tot product van het jaar. Eind 2014 waren er wereldwijd meer dan 3.000 Anapurnaen Jeti-printers geïnstalleerd.

Naast zijn apparatuur levert Agfa Graphics ook een uniek gamma performante UV-inkten voor uiteenlopende industriële toepassingen. Het aantal systeemintegratoren, OEM-klanten en andere producenten die gebruik maken van Agfa Graphics' inkten bleef toenemen in 2014.

Agfa HealthCare

Agfa HealthCare gebruikt nieuwe technologieën en traditionele kennis om oplossingen te creëren die voldoen aan de steeds evoluerende behoeftes van zorgorganisaties. Zijn systemen voor medische beeldvorming geven zorgverstrekkers nieuwe inzichten. Zijn IT-oplossingen overstijgen de grenzen van individuele ziekenhuizen en vormen regionale netwerken. Agfa HealthCare bouwt voort op zijn grondige kennis over beeldvormingstechnologie en klinische behoeftes om professionals in de zorgsector te voorzien van betaalbare oplossingen. Door hen te steunen bij hun overgang van analoge naar digitale technologie en door alle belanghebbenden in de gezondheidszorgsector door naadloze integratie met elkaar te verbinden, helpt Agfa HealthCare zijn klanten om de kwaliteit en de efficiëntie van hun patiëntenzorg te verbeteren. Zo blinkt Agfa HealthCare uit in de zorgsector.

MILJOEN EURO 2014 2013 % evolutie
Omzet 1.069 1.160 -7,8%
Recurrente EBITDA (1) 114,4 116,3 -1,6%
% van de omzet 10,7% 10,0%

Recurrente EBIT (1) 79,4 77,3 2,7% Resultaten uit bedrijfsactiviteiten 71,5 72,3 -1,1%

Agfa HealthCare in 2014

(1) VOOR REORGANISATIEKOSTEN EN NIET-RECURRENTE RESULTATEN.

Sterk beïnvloed door ongunstige wisselkoerseffecten in de eerste kwartalen van het jaar, daalde de omzet van Agfa HealthCare met 7,8%. Zonder wisselkoerseffecten bedroeg de daling 5,6%. De omzet leed onder de economische zwakte in de meeste opkomende markten en onder de voortdurende achteruitgang van de traditionele filmproducten in het Imaging-segment. In de digitale radiografiebusiness (bestaande uit Computed Radiography, Direct Radiography en hardcopy) bleef de omzet van de DR-technologie sterk groeien. In het IT-segment bleven de IT-systemen voor radiologie kampen met de veranderende marktomstandigheden in de VS, waar de overheid ziekenhuizen aanzet om in elektronische medische dossiers (Electronic Medical Records – EMR) te investeren, eerder dan in afdelingsgebonden IT. Agfa HealthCare reageert op deze veranderende omstandigheden met oplossingen die het EMR voeden met documenten en medische beelden. Deze strategie begon tegen het einde van het jaar vruchten af te werpen.

De brutowinstmarge van Agfa HealthCare groeide van 34,9% van de omzet in 2013 tot 36,6%. De rendabiliteit werd ondersteund door de succesvolle efficiëntieprogramma's van de businessgroep en door gunstige grondstofeffecten. De recurrente EBITDA bereikte 114,4 miljoen euro (10,7% van de omzet). De recurrente EBIT verhoogde tot 79,4 miljoen euro (7,4% van de omzet).

Expert in medische beeldvorming en IT

Agfa HealthCare is een wereldwijde leverancier van systemen voor diagnostische beeldvorming en van IT-systemen voor de gezondheidszorg. De businessgroep ondersteunt ziekenhuizen en andere zorgcentra met producten en systemen voor het vastleggen, beheren en verwerken van diagnostische beelden en gegevens, alsook met oplossingen voor het stroomlijnen en beheren van de algemene klinische en administratieve informatie. Over de hele wereld rekenen clinici op Agfa HealthCare voor steun bij het aanpakken van de uitdagingen van de hedendaagse gezondheidszorg.

De activiteiten van de businessgroep Agfa HealthCare zijn georganiseerd in twee divisies: Beeldvorming en IT.

Beeldvorming

De beeldvormingsdivisie (Imaging) levert traditionele röntgenfilm, hardcopyfilm en -printers, apparatuur voor digitale radiografie, beeldverwerkingssoftware en contrastmedia. De oorsprong van Agfa HealthCare ligt in de traditionele beeldvorming, maar in de hedendaagse zorgsector verliest traditionele röntgenfilm snel terrein aan de digitale radiografie. Door de concurrentie van de diagnose op beeldscherm gaat ook de markt voor hardcopyfilm – waarop digitale beelden afgedrukt worden – achteruit in de VS en in West-Europa. In de opkomende markten blijft dit marktsegment echter groeien.

Naast hardcopyfilm levert Agfa HealthCare ook hardcopyprinters. Deze systemen geven clinici de mogelijkheid om digitale beelden af te drukken die gemaakt zijn met radiografieapparatuur en met andere modaliteiten, zoals CT- en MRIscanners. Agfa HealthCare's gamma geavanceerde printers bevat zowel kwaliteitsvolle tafelmodellen als netwerkprinters voor grote volumes.

In het segment van de digitale radiografie is Agfa HealthCare actief met technologie voor computed radiography (CR) en direct radiography (DR). Doordat het compatibel is met traditionele radiografieapparatuur biedt CR

ziekenhuisafdelingen die intensief met beelden werken een betaalbare instap in de digitale beeldvorming. Deze systemen zetten analoge beelden om in digitale bestanden en bieden afdelingen de kans om hun efficiëntie te verbeteren en om hun capaciteit te verhogen. Agfa HealthCare bouwt tevens een sterk gamma van DR-apparatuur uit. DR wordt vaak gekozen door ziekenhuisafdelingen die een hogere capaciteit en de onmiddellijke beschikbaarheid van kwaliteitsvolle digitale beelden eisen. Voorts biedt DR de mogelijkheid om de stralingsdosis te verminderen zonder gevolgen voor de beeldkwaliteit. Veel ziekenhuizen combineren CR en DR om tegemoet te komen aan al hun noden op het vlak van röntgenonderzoek. Als technologische leider voor beide vakgebieden is Agfa HealthCare als geen ander in staat om zorgcentra die willen investeren in digitale beeldvorming oplossingen op maat aan te bieden.

Alle CR- en DR-systemen van Agfa HealthCare werken met de MUSICAbeeldverwerkingssoftware en het NX-werkstation voor beeldidentificatie en -acquisitie en kwaliteitscontrole. In bepaalde markten levert Agfa HealthCare ook kwaliteitsvolle en kostenefficiënte contrastmedia.

IT

Agfa HealthCare is een toonaangevende speler in de IT-markt met zijn ITsystemen voor beeldvorming (Imaging IT) en zorginformatieoplossingen (Healthcare Information Solutions), samen goed voor reeds 40% van de omzet van de businessgroep. Agfa HealthCare biedt zorgorganisaties de middelen om de algemene efficiëntie en de kwaliteit van hun dienstverlening te verbeteren. Het ultieme doel is alle betrokken partijen in de wereld van de gezondheidszorg naadloos met elkaar te verbinden.

Imaging IT Solutions

Agfa HealthCare's IT-systemen voor beeldvorming (Imaging IT) voor zorgaanbieders staan overal ter wereld garant voor betrouwbaarheid en efficiëntie. Na de introductie van digitale radiografie in de vroege jaren '90, werd Agfa HealthCare een van de eerste ondernemingen die radiologieafdelingen ITsystemen aanbood voor het efficiënt bewaren, beheren, verwerken en verdelen van digitale medische beelden van diverse beeldvormingsmodaliteiten. Deze Picture Archiving and Communication Systems (PACS) zijn vaak gekoppeld aan gespecialiseerde informatiesystemen, zoals Radiology Information Systems (RIS).

Op basis van zijn ervaring op het vlak van radiologie, ontwikkelde Agfa HealthCare een aantal 'Enterprise Imaging'-oplossingen voor andere ziekenhuisafdelingen die intensief met medische beelden werken, zoals cardiologie, orthopedie en nucleaire geneeskunde, alsook voor bepaalde gespecialiseerde medische disciplines, zoals vrouwengeneeskunde en digitale pathologie.

Hoewel PACS- en RIS-systemen oorspronkelijk afdelingsgebonden waren, gebruiken zorgorganisaties deze 'Enterprise Imaging'-oplossingen nu ook om hun radiologieafdelingen te verbinden met andere beeldintensieve afdelingen en zelfs om een netwerk te creëren tussen afdelingen van verschillende ziekenhuisvestigingen.

Het nieuwe Agfa HealthCare Enterprise Imaging platform brengt alle functies van de ondernemingsbrede beeldvormingsystemen en de afdelingsgebonden beeldvormingsystemen van de businessgroep samen in een volledig geïntegreerd beeldvormingsplatform. Het systeem zorgt voor lagere kosten en eenvoudigere processen en het creëert een echt beeldvormingsdossier voor iedere patiënt.

Het dossier bevat alle medische beelden van de patiënt, ongeacht de afdeling of het centrum waar ze gecreëerd werden. Alle beelden en verwante gegevens zijn onmiddellijk raadpleegbaar, wat zorgt voor snellere diagnoses en een betere patiëntenzorg.

Voor de PACS-systemen voor radiologie heeft Agfa HealthCare een zeer sterke positie in Europa. Het marktaandeel groeit in de VS, Canada, Europa en Latijns-Amerika. Met de systemen die de gegevens van ziekenhuizen op regionaal niveau kunnen consolideren heeft Agfa HealthCare wereldwijd een sterke positie.

Healthcare Information Solutions

De grens van de beeldvorming overschrijdend, werpt Agfa HealthCare zich op als een toonaangevende speler in de snel groeiende markt van de ondernemingsbrede IT-systemen. Agfa HealthCare's innovatieve Hospital Information System (HIS)/Clinical Information System (CIS) verbindt medische afdelingen en administratieve ziekenhuisafdelingen in één virtueel netwerk. Het versnelt de diagnose en de behandeling door onmiddellijke en volledige toegang te bieden tot alle relevante patiëntengegevens – inclusief medische beelden en klinische en administratieve data. Bovendien ondersteunt het de administratie, de facturatie, het inplannen van afspraken en onderzoeken en de financiële rapportering. Het systeem kan dienen als basis voor een volwaardig Electronic Patient Record (EPR). Kortom, het is ontwikkeld om zorgorganisaties te helpen om hun productiviteit te verhogen, hun zorgverlening te verbeteren en hun kosten te drukken. Agfa HealthCare's stapsgewijze aanpak biedt zorgorganisaties de mogelijkheid om ORBIS aan hun eigen tempo in te voeren. De verschillende modules kunnen afzonderlijk geïnstalleerd worden op maat van de wensen van de klant.

Het tweede belangrijke systeem in het ondernemingsbrede IT-aanbod van Agfa HealthCare is het 'Enterprise Content Management'-systeem. Het geeft zowel grote als kleine ziekenhuizen en zorgcentra de mogelijkheid om al hun documenten op papier en hun elektronische documenten te integreren, waardoor ze een volledig digitaal archief voor patiëntendossiers kunnen creëren.

Het 'Enterprise Content Management'-systeem verkleint de behoefte aan fysieke archiveringsruimte, vermindert de tijd die nodig is om dossiers op te vragen en verlaagt de kosten die daarmee verbonden zijn.

Commerciële successen

In 2014 sloot Agfa HealthCare talrijke spraakmakende contracten met ziekenhuizen en ziekenhuisgroepen overal ter wereld.

Beeldvorming

Agfa HealthCare breidde het klantenbestand voor zijn toonaangevende digitale radiografiesystemen verder uit. Aan het einde van het jaar waren meer dan 50.000 digitale radiografiesystemen geïnstalleerd in ziekenhuizen, klinieken en zorgcentra over de hele wereld. Agfa biedt sinds 1993 systemen voor Computed Radiography (CR) aan en sinds 2009 ook systemen voor Direct Radiography (DR).

In de VS werden in 2014 verscheidene belangrijke DR- en CR-contracten getekend. Zo zal het Loma Linda University Medical Center naar DR upgraden via Agfa HealthCare's Fast Forward-programma. Het centrum zal elf DX-D Retrofit-systemen installeren om de bestaande op CR gebaseerde röntgenkamers om te schakelen naar DR, alsook vijf draadloze mobiele DR-systemen van het type DX-D 100. Het Massachusetts General Hospital installeerde acht DX-D 600 DR-röntgenkamers en acht mobiele DR-systemen van het type DX-D 100. Andere belangrijke CR- en/of DR-contracten werden afgesloten met ondermeer het Children's National Medical Center, het Ochsner Health System, het Summa Health System en het Vail Valley Medical Center.

In het Verenigd Koninkrijk heeft het centrale ziekenhuis van de Northern Devon Healthcare NHS Trust samen met acht kleinere ziekenhuizen de bestaande digitale radiografiesystemen vervangen door Agfa HealthCare's CR-systemen. Ook de Salisbury NHS Foundation Trust koos voor Agfa HealthCare's CR-systemen DX-G en CR 30-X. De North Tees and Hartlepool NHS Foundation Trust installeerde drie DX-D Retrofit-systemen om de CR-beeldvormingsapparatuur naar DR te upgraden, terwijl het Victoria Community Hospital zijn analoge röntgenkamer verving door een volledig automatisch DR-systeem van het type DX-D 600.

Voorts sleepte Agfa HealthCare ook in India een belangrijk DR-conctact in de wacht. De businessgroep werd geselecteerd om 29 DR-systemen van het type DX-D 600 te leveren aan zorgcentra in de deelstaat West-Bengalen. Nog in India bestelde het PBM Hospital in Bikaneer, Rajasthan vier CR-systemen van het type DX-M.

Het ministerie van gezondheidszorg van het Koninkrijk Saoedi-Arabië ging akkoord om in drie van zijn ziekenhuizen een DR-systeem van Agfa HealthCare in gebruik nemen: het Rafha Central Hospital in Arar, het Maternity and Children's hospital in Gassim en het Maternity and Children's hospital in Dammam. Het pas geopende Beirut Medical Centre – Saint Antoine de Padoue (Beiroet, Libanon) installeerde Agfa HealthCare's DX-D 400 DR-systemen en CR 10-X CR-systemen.

In België besliste de pediatrische radiologieafdeling van het UZ Leuven een mobiele DX-D 100 DR-oplossing te installeren om tegemoet te komen aan de extreem hoge vereisten die typisch zijn voor pediatrische en neonatale beeldvorming.

Agfa HealthCare's beeldvormingstechnologie wordt overal ter wereld ook door dierenklinieken gebruikt. In mei kondigde Agfa HealthCare aan dat het een technisch sponsor werd van de mobiele paardenkliniek voor de jaarlijkse Longines Global Champions Tour 2014. De systemen van Agfa HealthCare werden gebruikt om de deelnemende paarden aan deze prestigieuze springconcoursen te screenen.

IT

In 2014 raakten talrijke nieuwe klanten overtuigd van de kwaliteiten van Agfa HealthCare's IT-oplossingen, gaande van grote zorgorganisaties met verscheidene vestigingen en regionale zorgorganisaties tot middelgrote ziekenhuizen en kleine beeldvormingscentra.

Imaging IT Solutions

Eind 2014 waren er IMPAX PACS/RIS-systemen en ondernemingsbrede beeldvormingsystemen van Agfa HealthCare in gebruik in meer dan 3.000 zorgcentra over de hele wereld.

Een van de belangrijkste aandachtspunten van Agfa HealthCare is de wereldwijde introductie van het nieuwe eengemaakte Agfa HealthCare Enterprise Imaging platform. Eind 2014 was het Enterprise Imaging for Radiology-systeem (in 2013 geïntroduceerd als IMPAX Agility) in gebruik in 87 ziekenhuisvestigingen in 24 landen in Zuid-Amerika, Noord-Amerika, Afrika, Europa, Rusland en het Midden-Oosten.

In de VS werd een belangrijk contract getekend met de Defense Logistics Agency voor de installatie van een ondernemingsbrede beeldvormingsoplossing in zeven medische zorgcentra van het US Army Western Region Medical Command. Het contract bevestigt de sterke relatie van Agfa HealthCare met de Amerikaanse overheid. Doorheen de jaren heeft de businessgroep systemen geïnstalleerd in meer dan 200 medische centra van de Department of Veterans Affairs en het Department of Defense, waaronder meer dan 30 marineschepen.

In november kondigde Agfa HealthCare een samenwerking aan met het bedrijf Park Place International om het MEDITECH electronic health record (EHR) met medische beelden te voeden door de integratie van de Agfa HealthCare Enterprise Imaging-portfolio. De samenwerking geeft het medisch personeel van ziekenhuizen die het MEDITECH EHR gebruiken de mogelijkheid om beelden en rapporten snel op te vragen en de patiëntenzorg te verbeteren.

In het tweede kwartaal ontving Agfa HealthCare Premier Inc.'s Supplier Legacy Award for operational excellence. Met deze onderscheiding erkent Premier de expertise van de businessgroep op het vlak van ondernemingsbrede en afdelingsgebonden IT voor medische beeldvorming. Premier is een toonaangevende onderneming die streeft naar de verbetering van de gezondheidszorg. Ze verenigt ongeveer 3.000 Amerikaanse ziekenhuizen en 110.000 andere zorgaanbieders.

In Nederland levert Agfa HealthCare een archiveringsysteem en een ondernemingsbreed beeldvormingsysteem aan de belangrijke universitaire ziekenhuizen Vrije Universiteit medisch centrum (VUmc) en Academisch medisch centrum (AMC). Deze systemen voeden het EHR van de ziekenhuizen met medische beelden.

In België breidt het ZNA-ziekenhuisnetwerk (Antwerpen) zijn bestaande ondernemingsbrede beeldvormingsysteem uit van de radiologieafdelingen naar alle afdelingen die medische beelden maken. Alle archivering en opslag van de beelden van ZNA gebeurt nu buiten de organisatie in het datacenter van Agfa HealthCare in Mortsel.

In Brazilië tekende FIDI (Imaging Diagnosis Research and Study Institute) een contract voor de installatie van het eerste GRIP-systeem (Global Remote Incident Prevention) van Agfa HealthCare in Latijns-Amerika. FIDI beheert 57 radiologiesystemen in ziekenhuizen, laboratoria en andere zorgcentra. Het GRIP-systeem screent de door FIDI gebruikte RIS/PACS- en teleradiologiesystemen van Agfa HealthCare continu om incidenten te voorkomen.

Healthcare Information Solutions

In 2014 verstevigde Agfa HealthCare zijn leiderspositie in de Europese markt voor zorginformatiesystemen met zijn ORBIS Hospital Information Systems (HIS)/Clinical Information Systems (CIS) en zijn HYDMedia-systeem voor het beheer van documenten.

Agfa HealthCare ging verder met de versterking van de dominante positie van zijn ORBIS HIS/CIS-oplossing in de Duitstalige landen van Europa. Voorbeelden van Duitse zorgcentra die in 2014 met ORBIS in zee gingen zijn het St-Jozefshospital (Krefeld), het Maria-Hilf Krankenhaus der Alexianer (Krefeld), de Klinik Nürtingen, de Gemeinschaftsklinikum Mayen Koblenz, de Psychiatrischen Dienste Aargau AG, de SRH Wald-Klinikum Gera, het Israelitischen Krankenhaus (Hamburg) en het Klinikum Burgenlandkreis GmbH (een ziekenhuis van de universiteit in Jena).

In Frankijk werd een ORBIS HIS/CIS-systeem geïnstalleerd in het Centre Hospitalier de St-Quentin, het Centre Hospitalier de Remiremont, het Centre Hospitalier d'Épinal en in kleinere centra zoals de Centres Hospitaliers de St-Martin en St-Barthélémy.

Eind 2014 was ORBIS geïnstalleerd in meer dan 1.350 Europese zorgcentra.

Ook het aantal geïnstalleerde HYDMedia-archiveringsystemen bleef groeien, met nieuwe installaties in ondermeer Frankrijk, Canada en Brazilië.

Agfa Specialty Products

Agfa Specialty Products levert klanten in verschillende industriële markten een breed gamma van zowel klassieke filmproducten als vernieuwende producten.

Voor de productie van polymeersubstraten steunt de businessgroep Agfa Specialty Products op de uitgebreide kennis van de Agfa-Gevaert Groep op het vlak van filmproductie en chemische bereidingen.

MILJOEN EURO 2014 2013 % change
Omzet 197 214 -7,9%
Recurrente EBITDA (1) 10,9 14,5 -24,8%
% van de omzet 5,5% 6,8%
Recurrente EBIT (1) 6,6 10,2 -35,3%
Resultaten uit bedrijfsactiviteiten 5,8 8,4 -31,0%

Agfa Specialty Products in 2014

(1) VOOR REORGANISATIEKOSTEN EN NIET-RECURRENTE RESULTATEN.

Vooral door de lagere zilverprijs daalde de omzet van Agfa Specialty Products tot 197 miljoen euro. De toekomstgerichte activiteiten van de businessgroep (vooral de Security-business, de Synaps Synthetic Paper-producten en de Orgacon Electronic Materials-business) en de materialen voor de productie van gedrukte schakelingen presteerden goed doorheen het jaar.

De recurrente EBITDA bedroeg 10,9 miljoen euro (5,5% van de omzet) en de recurrente EBIT kwam uit op 6,6 miljoen euro (3,4% van de omzet).

Innovatieve oplossingen voor industriële toepassingen

De activiteiten van Agfa Specialty Products worden ondergebracht in de onderafdelingen Classic Films, Functional Foils en Advanced Coatings & Chemicals. Voorts promoot het Materials Technology Centre een open innovatiecultuur door voor externe klanten onderzoeksopdrachten op het vlak van materialen en deklagen uit te voeren.

Classic Films

Agfa Specialty Products levert traditionele, op film gebaseerde verbruiksgoederen aan beeldvormingsmarkten die niet tot het vakgebied van Agfa Graphics en Agfa HealthCare behoren. In deze markten worden analoge systemen geleidelijk vervangen door digitale alternatieven. In bepaalde segmenten is film echter nog steeds de norm. Film garandeert hoge resoluties, uitstekende beeldkwaliteit en gebruiksgemak, terwijl de omschakeling naar digitale technologie vaak aanzienlijke investeringen vergt. De activiteiten in deze markten worden als volgt onderverdeeld:

Non-Destructive Testing (NDT): Agfa Specialty Products produceert hoogstaande röntgenfilm voor niet-destructief materiaalonderzoek. Met de film worden ondermeer lasnaden in pijplijnen, stalen structuren en vliegtuigrompen getest. Wanneer Agfa in 2003 zijn NDT-businessgroep aan de General Electric Company (GE) verkocht, tekenden beide partijen een langetermijnovereenkomst waardoor Agfa röntgenfilm aan GE kon blijven leveren. Agfa treedt nu op als de exclusieve producent van GE's NDT-röntgenfilm en de daarmee verbonden chemicaliën. In 2014 was de vraag in dit segment stabiel.

Motion Picture: Voor de speelfilmindustrie is Agfa een van de weinige overblijvende leveranciers van kleurenfilm voor het maken van filmkopieën en

geluidsregistratiefilm. Wereldwijd hebben de meeste bioscopen reeds digitale projectiesystemen geïnstalleerd en in 2014 ging de digitalisering voort. Bijgevolg daalde de omzet in dit segment verder.

Aerial Photography: In het segment van de luchtfotografie levert Agfa Specialty Products films, chemicaliën, fotopapier en software. Agfa Specialty Products kon in 2014 zijn marktaandeel in deze afnemende markt uitbreiden, wat resulteerde in stabiele verkoopvolumes.

Microfilm: De microfilm van Agfa Specialty Products staat bekend om zijn hoge gevoeligheid en zijn uitzonderlijke beeldkwaliteit. Door de toenemende digitalisering blijft de traditionele microfilmmarkt krimpen. Agfa Specialty Products ging met Eastman Park Micrographics (EPM) een exclusieve langetermijnovereenkomst aan voor de levering van microfilm. Volgens de overeenkomst produceert Agfa microfilm en daaraan verbonden chemicaliën voor EPM. EPM verdeelt deze producten wereldwijd onder zijn eigen merknaam. Na een sterk 2013 daalde de omzet in 2014 door de digitalisering van de microfilmindustrie.

Functional Foils

Functional Foils groepeert Agfa Specialty Products' activiteiten als producent van gespecialiseerde films voor toepassingen op het vlak van Security, Print en andere industrieën.

Security: Door de groeiende aandacht voor veiligheid en identificatie investeren overheden in hightech elektronische ID-documenten waarvan de authenticiteit snel en efficiënt gecheckt kan worden. Agfa Specialty Products speelt in op de groeiende vraag naar fraudebestendige ID-documenten met een gamma van gespecialiseerde films. Hiermee richt het zich op toepassingen met hoge eisen op het vlak van duurzaamheid en veiligheid, zoals persoonlijke ID-documenten en bank- en kredietkaarten. Deze betrouwbare en duurzame materialen worden op de markt gebracht onder de merknaam PETix. Ze kunnen gecombineerd worden met geavanceerde personalisatie- en beveiligingstechnieken. In 2014 namen de omzet en de projectverkopen toe.

Print: Agfa Specialty Products ontwikkelde een gamma synthetische papieren als alternatief voor gecoat papier voor toepassingen met hoge eisen op het vlak van duurzaamheid. De papieren zijn op de markt onder de merknaam Synaps. Ze vallen op door hun uitzonderlijk korte droogtijd. Bovendien zijn ze bestand tegen water, scheuren en UV-licht. De Synaps-papieren kunnen bedrukt worden

met standaardinkten op alle offsetdrukpersen en door printers die werken met droge toner. Synaps is geschikt voor een grote verscheidenheid aan toepassingen, zoals labels, displays voor binnen en buiten, hoogstaand commercieel drukwerk en bepaalde verpakkingssoorten. In november werd het synthetisch papier Synaps XM door het Rochester Institute of Technology gecertificeerd voor gebruik op Kodaks digitale kleurendrukpers NexPress. Eerder werd het Synaps OM-papier al gecertificeerd voor gebruik op de digitale drukpers HP Indigo. In 2014 bleef de omzet voor deze business sterk groeien.

PET-films voor zonnepanelen: Agfa Specialty Products levert een gamma PET-films aan producenten van onderlagen voor zonnepanelen onder de merknaam Arzona.

Industrial Foils: Agfa Specialty Products levert geavanceerde PET-filmonderlagen, chemische materialen en hightech (half-)fabrikaten aan industriële klanten. Deze materialen kunnen op maat van de wensen van de klant gemaakt worden, bijvoorbeeld voor de productie van beeldvormingproducten.

Advanced Coatings & Chemicals

Op basis van zijn kerncompetenties in chemische bereidingen en filmdeklagen, ontwikkelt Agfa Specialty Products geavanceerde producten en materialen voor veelbelovende groeimarkten.

Materialen voor gedrukte elektronica: Agfa Specialty Products is een expert op het vlak van geleidende polymeren die gebruikt worden in antistatische lagen voor filmen en componenten. Gebaseerd op deze producten, ontwikkelde Agfa zijn Orgacon-gamma van drukinkten, pasta's en emulsies voor gebruik in elektronische apparaten en in toepassingen als capacitieve sensoren, aanraakschermen en membraanschakelaars. In 2014 introduceerde Agfa Specialty Products zijn vernieuwende nanozilverinkten voor de productie van gedrukte

elektronica. Typische toepassingen zijn RFID-antennes, maar ze kunnen ook worden gebruikt in sensoren en aanraakschermen. Voortbouwend op de trend van de voorbije jaren, kende de Orgacon-productlijn ook in 2014 een sterke omzetgroei.

Phototooling: Agfa Specialty Products is een belangrijke producent van film voor de productie van gedrukte schakelingen (Printed Circuit Boards – PCB) voor de elektronica-industrie. Elektronicaproducenten gebruiken de film om de extreem fijne geleidende circuits op de gedrukte schakelingen te registreren. Omdat inkjet beschouwd wordt als een veelbelovende technologie voor PCBproductie, richt Agfa Specialty Products zijn O&O-inspanningen op de ontwikkeling van inkjetinkten voor PCB-toepassingen. In december introduceerde de businessgroep een nieuwe generatie inkjetinkten die gebruikt worden om de legendes op de schakelborden te drukken.

In 2014 kon Agfa Specialty Products zijn marktaandeel uitbreiden en een omzetgroei rapporteren.

Membranen: In samenwerking met de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) ontwikkelde Agfa Specialty Products vlakke membranen voor de productie van waterstof. Zirfon Perl is een kwaliteitsvol en duurzaam membraan voor systemen op basis van alkaline waterelektrolyse.

Financieel Verslag

VERKLARING OVER HET GETROUWE BEELD IN OVEREENSTEMMING MET HET KONINKLIJK BESLUIT VAN 14 NOVEMBER 2007

De Raad van Bestuur en het Executive Management van Agfa-Gevaert NV, vertegenwoordigd door de heer Julien De Wilde, Voorzitter van de Raad van Bestuur, de heer Christian Reinaudo, President en Chief Executive Officer, en de heer Kris Hoornaert, Chief Financial Officer, verklaren hierbij dat, voor zover hen bekend,

  • de geconsolideerde jaarrekening, opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS), een getrouw beeld geeft van het vermogen, van de financiële toestand en van de resultaten van de Vennootschap en haar geconsolideerde dochterondernemingen;
  • het jaarverslag een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en de resultaten van de Vennootschap en haar geconsolideerde dochterondernemingen, evenals een beschrijving van de voornaamste risico's en onzekerheden waarmee zij geconfronteerd worden.

De toelichtingen maken integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.

AGFA-GEVAERT GROEP – GECONSOLIDEERDE WINST-EN VERLIESREKENING

MILJOEN EURO TOELICHTING 2014 2013
Opbrengsten 5 2.620 2.865
Kostprijs van de verkopen (1.813) (2.031)
Brutowinst 807 834
Verkoopkosten (336) (361)
Kosten van onderzoek en ontwikkeling (146) (146)
Algemene beheerskosten (172) (177)
Overige bedrijfsopbrengsten 9 90 163
Overige bedrijfskosten 10 (107) (150)
Winst uit bedrijfsactiviteiten 5 136 163
Financieringsbaten (-kosten) - netto (15) (17)
Financieringsbaten 11 2 2
Financieringskosten 11 (17) (19)
Overige financieringsbaten (-kosten) - netto (44) (54)
Overige financieringsbaten 11 8 5
Overige financieringskosten 11 (52) (59)
Nettofinancieringslasten (59) (71)
Winst (verlies) voor belastingen 77 92
Winstbelastingen 12 (18) (43)
Winst (verlies) over het boekjaar 59 49
Winst (verlies) toewijsbaar aan
Aandeelhouders van de Onderneming 50 41
Minderheidsbelangen 9 8
Winst per aandeel (euro)
Gewone winst per aandeel (euro) 28 0,30 0,25
Verwaterde winst per aandeel (euro) 28 0,30 0,25

AGFA-GEVAERT GROEP – GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN

MILJOEN EURO 2014 2013
WINST (VERLIES) OVER HET BOEKJAAR 59 49
Niet-gerealiseerde resultaten, na winstbelastingen
Niet-gerealiseerde resultaten die in een volgende periode kunnen
geherklasseerd worden naar de winst- en verliesrekening
Valutakoersverschillen 18 (35)
Valutakoersverschillen voor buitenlandse activiteiten 30 (38)
Nettowinst (verlies) op de afdekking van de netto-investering in een
buitenlandse activiteit
(12) 4
Winstbelasting op de nettowinst (verlies) op de afdekking van de netto
investering in een buitenlandse activiteit
- (1)
Kasstroomafdekkingen (1) (8)
Effectief deel van veranderingen in de reële waarde van
kasstroomafdekkingen
(14) (19)
Nettoverandering in de reële waarde van kasstroomafdekkingen die is
overgeboekt naar de winst- en verliesrekening
5 -
Verandering in de reële waarde die is overgeboekt naar de initiële boekwaarde
van het ingedekte actief
8 12
Winstbelastingen - (1)
Financiële activa beschikbaar voor verkoop - 2
Reële waardeveranderingen van financiële activa beschikbaar voor verkoop - 2
Winstbelastingen - -
Niet-gerealiseerde resultaten die niet geherklasseerd worden naar de
winst- en verliesrekening
(293) 191
Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van
toegezegdpensioenregelingen
(299) 191
Winstbelastingen op de herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde
van toegezegdpensioenregelingen
6 -
TOTAAL VAN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN OVER HET BOEKJAAR,
NA WINSTBELASTINGEN
(276) 150
TOTAAL VAN GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN
TOEWIJSBAAR AAN
(217) 199
Aandeelhouders van de Onderneming (232) 192
Minderheidsbelangen 15 7

AGFA-GEVAERT GROEP – GECONSOLIDEERDE BALANS

MILJOEN EURO TOELICHTING 31 december
2014
31 december
2013
ACTIVA
Vaste activa 1.039 1.066
Immateriële activa 13 615 618
Materiële vaste activa 14 234 242
Investeringen 15 17 11
Uitgestelde belastingvorderingen 12 173 195
Vlottende activa 1.509 1.502
Voorraden 16 512 542
Handelsvorderingen 17 538 585
Actuele belastingvorderingen 107 95
Overige vorderingen en overige vlottende activa 17 120 126
Overlopende rekeningen 34 25
Derivaten 7.5 2 3
Geldmiddelen en kasequivalenten 18 196 126
TOTAAL ACTIVA 2.548 2.568
EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN
Eigen vermogen 19 146 368
Toewijsbaar aan aandeelhouders van de Onderneming 93 325
Maatschappelijk kapitaal 187 187
Uitgiftepremies 210 210
Ingehouden winsten 709 664
Reserves (92) (91)
Valutakoersverschillen (16) (28)
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdienst
treding: herwaardering van de nettoverplichting uit
hoofde van toegezegdpensioenregelingen
(905) (617)
Toewijsbaar aan minderheidsbelangen 53 43
Langlopende verplichtingen 1.443 1.397
Verplichtingen wegens vergoedingen na
uitdiensttreding
20 1.267 1.002
Overige personeelsbeloningen 12 11
Rentedragende verplichtingen 21 125 319
Voorzieningen 22 14 11
Overlopende rekeningen 2 1
Uitgestelde belastingverplichtingen 12 23 53
Kortlopende verplichtingen 959 803
Rentedragende verplichtingen 21 197 24
Voorzieningen 22 155 160
Handelsschulden 23 230 239
Uitgestelde opbrengsten en vooruitbetalingen 24 125 121
Actuele belastingverplichtingen 56 54
Overige te betalen posten 23 85 95
Personeelsbeloningen 93 97
Overlopende rekeningen 4 3
Derivaten 7.5 14 10
TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN 2.548 2.568

AGFA-GEVAERT GROEP – GECONSOLIDEERD MUTATIEOVERZICHT VAN HET EIGEN VERMOGEN

TOEWIJSBAAR AAN AANDEELHOUDERS VAN DE ONDERNEMING
MILJOEN EURO TOELICHTING Maatschappelijk kapitaal Uitgiftepremie Ingehouden winsten Eigen aandelen Reële waarde reserve Reserve voor op aandelen gebaseerde
betalingen
Afdekkingsreserve Herwaardering van de nettoverplichting uit
hoofde van toegezegdpensioenregelingen
Valutakoersverschillen TOTAAL Toewijsbaar aan minderheidsbelangen TOTAAL EIGEN VERMOGEN
Balans op 1 januari 2013 187 210 623 (82) (1) - (2) (808) 6 133 36 169
Gerealiseerde en niet-gerealiseerde
resultaten over het boekjaar
Winst (verlies) over het boekjaar - - 41 - - - - - - 41 8 49
Niet-gerealiseerde resultaten na
winstbelastingen
19.9 - - - - 2 - (8) 191 (34) 151 (1) 150
Totaal van gerealiseerde en niet
gerealiseerde resultaten over het boekjaar
- - 41 - 2 - (8) 191 (34) 192 7 199
Balans op 31 december 2013 187 210 664 (82) 1 - (10) (617) (28) 325 43 368
Balans op 1 januari 2014 187 210 664 (82) 1 - (10) (617) (28) 325 43 368
Gerealiseerde en niet-gerealiseerde
resultaten over het boekjaar
Winst (verlies) over het boekjaar - - 50 - - - - - - 50 9 59
Niet-gerealiseerde resultaten na
winstbelastingen
19.9 - - - - - - (1) (293) 12 (282) 6 (276)
Totaal van gerealiseerde en niet
gerealiseerde resultaten over het boekjaar
- - 50 - - - (1) (293) 12 (232) 15 (217)
Transacties met aandeelhouders,
rechtstreeks verwerkt in het eigen
vermogen
Dividenden 19.8 - - - - - - - - - - (5) (5)
Totaal van transacties met aandeelhouders,
rechtstreeks verwerkt in het eigen
- - - - - - - - - - (5) (5)
vermogen
Herklassering van herwaardering van de
nettoverplichting uit hoofde van toegezegd
pensioenregelingen die in voorgaande
boekjaren erkend werden in niet
gerealiseerde resultaten
19.5 - - (5) - - - - 5 - - - -
Balans op 31 december 2014 187 210 709 (82) 1 - (11) (905) (16) 93 53 146

Agfa-Gevaert - Jaarverslag 2014

AGFA-GEVAERT GROEP – GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT

MILJOEN EURO TOELICHTING 2014 2013
Winst (verlies) over het boekjaar 59 49
Aanpassingen voor
Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen 13/14 69 86
Wijzigingen in de reële waarde van derivaten - (1)
Toegekende subsidies (9) (10)
Verliezen (winsten) uit de realisatie van vaste activa 9/10 (1) (1)
Nettofinancieringslasten 11 59 71
Winstbelastingen 12 18 43
195 237
Wijzigingen in
Voorraden 46 73
Handelsvorderingen 64 26
Handelsschulden (5) (36)
Uitgestelde opbrengsten en ontvangen vooruitbetalingen (3) (11)
Overige kortlopende activa en verplichtingen (15) 1
Langlopende voorzieningen (89) (158)
Kortlopende voorzieningen (18) (10)
Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten 175 122
Betaalde belastingen (24) (15)
Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten 151 107
Ontvangen rente 2 2
Ontvangen dividenden - -
Ontvangsten uit de verkoop van immateriële activa 13 4 2
Ontvangsten uit de verkoop van materiële vaste activa 14 4 4
Investeringen in immateriële activa 13 (1) (2)
Investeringen in materiële vaste activa 14 (36) (38)
Ontvangsten uit de lease portfolio 6 11
Overnames 6 - -
Wijzigingen in overige investeringsactiviteiten (6) -
Nettokasstromen uit investeringsactiviteiten (27) (21)
Betaalde rente (17) (19)
Betaalde dividenden aan minderheidsbelangen (5) -
Ontvangsten van leningen - -
Terugbetalingen van leningen 21.2.1 (22) (70)
Overige financieringskasstromen (11) 11
Nettokasstromen uit financieringsactiviteiten (55) (78)
Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten 69 8
Geldmiddelen en kasequivalenten bij het begin van het jaar 125 125
Impact van valutakoersverschillen - (8)
Geldmiddelen en kasequivalenten per einde boekjaar 18 194 125

1. VERSLAGGEVENDE ENTITEIT WAAROVER WORDT GERAPPORTEERD

Agfa-Gevaert NV ('de Onderneming') is een onderneming die in België gedomicilieerd is. Het adres van de statutaire zetel van de Onderneming is Septestraat 27, 2640 Mortsel.

De geconsolideerde jaarrekening van de Groep over 2014 omvat de Onderneming en 97 geconsolideerde dochterondernemingen (2013: 98 geconsolideerde dochterondernemingen) waarover de Onderneming zeggenschap uitoefent. Investeringen in dochterondernemingen en investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode worden opgelijst in toelichting 29.

Minderheidsbelangen houden een materieel belang aan in zeven dochterondernemingen gesitueerd in Groot-China en de ASEAN-regio. In Europa zijn er twee dochterondernemingen waarin minderheidsbelangen een aandeel aanhouden dat van ondergeschikt belang is voor de Groep. De financiële gegevens van minderheidsbelangen worden toegelicht in toelichting 19.8.

2. VOORSTELLINGSBASIS

2.1 CONFORMITEITSVERKLARING

De geconsolideerde jaarrekening werd opgemaakt in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) van de International Accounting Standards Board (IASB) zoals aangenomen door de Europese Unie op 31 december 2014.

Volgende nieuwe of herziene standaarden van de International Accounting Standards Board welke van toepassing zijn vanaf 1 januari 2014 werden voor de eerste maal toegepast:

  • IFRS 10 Geconsolideerde jaarrekening
  • IFRS 11 Joint Arrangements
  • IFRS 12 Toelichtingen betreffende deelnemingen
  • Aanpassingen aan IFRS 10, IFRS 11 en IFRS 12 ('Transition Guidance')
  • IAS 28 Investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode en samenwerkingsverbanden (2014)
  • Aanpassingen aan IFRS 10, IFRS 12 en IAS 27 Entiteiten opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening
  • Compensatie van financiële activa en financiële verplichtingen (aanpassingen aan IAS32)
  • Aanpassingen aan IAS 39 Financiële instrumenten Novatie van derivaten en voortzetting van hedge accounting.

Voornoemde nieuwe of herziene standaarden hebben geen wezenlijke invloed gehad op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep, met uitzondering van de vereisten op het gebied van toelichting zoals beschreven in IFRS 12. Deze zijn begrepen in deze geconsolideerde jaarrekening onder toelichting 19.8.

Meer informatie wordt verschaft in toelichting 4 'Nieuwe standaarden en interpretaties van standaarden gepubliceerd, nog niet van kracht per einde boekjaar'.

De geconsolideerde jaarrekening werd door de Raad van Bestuur voor publicatie vrijgegeven op 26 maart 2015.

2.2 WAARDERINGSBASIS

De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld op basis van historische kostprijs, met uitzondering van de volgende van materieel belang zijnde balansposten:

  • Afgeleide financiële instrumenten worden gewaardeerd tegen reële waarde;
  • Niet-afgeleide financiële instrumenten worden gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening; en
  • De uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen toegewezen fondsbeleggingen worden gewaardeerd tegen reële waarde.

2.3 FUNCTIONELE VALUTA EN PRESENTATIEVALUTA

De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro, wat de functionele munt is van de Onderneming. Alle financiële informatie is weergegeven in miljoen euro, afgerond naar het dichtstbijzijnde miljoen, tenzij anders aangeduid.

2.4 SCHATTINGEN EN OORDELEN VAN HET MANAGEMENT

De opmaak van de geconsolideerde jaarrekening in overeenstemming met IFRS vereist een zekere oordeelsvorming door het management en het gebruik van bepaalde schattingen en veronderstellingen. Deze kunnen een belangrijke impact hebben op de voorstelling van de financiële toestand en/of de resultaten van de activiteiten van de Groep. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden regelmatig beoordeeld maar kunnen van de actuele waarden afwijken.

De onderwerpen waarbij een hoge mate van oordeelsvorming is vereist of waarbij het gebruik van schattingen en veronderstellingen belangrijk is voor de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening worden hierna weergegeven met verwijzing naar de betreffende toelichting waar meer informatie wordt verstrekt:

Onderwerpen die een hoge mate van oordeelsvorming,
schattingen en veronderstellingen vereisen
Toelichtingen
De netto contante waarde van geschatte toekomstige
kasstromen die wordt gebruikt bij het toetsen op bijzondere
waardeverminderingen.
Toelichting 13 'Immateriële activa'
De gebruiksduur van immateriële activa met een beperkte
gebruiksduur.
Toelichting 13 'Immateriële activa'
Het beoordelen van de geschiktheid van de voorzieningen
voor lopende of verwachte onderzoeken naar de
belastingverplichtingen over voorgaande jaren
Toelichting 12 'Winstbelastingen'
Het bepalen van de recupereerbaarheid van uitgestelde
belastingvorderingen.
Toelichting 12 'Winstbelastingen'
De actuariële veronderstellingen die gebruikt worden voor
de waardering van toegezegdpensioenregelingen
Toelichting 20 'Personeelsbeloningen'
Erkenning van de opbrengsten van overeenkomsten waarin
meerdere goederen en/of diensten samen worden aange
boden aan de koper ('multiple-element arrangements')
Toelichting 24 'Uitgestelde
opbrengsten en vooruitbetalingen'

3. GRONDSLAGEN VOOR FINANCIËLE VERSLAGGEVING

3.1 CONSOLIDATIEPRINCIPES

3.1.1 Bedrijfscombinaties

Bedrijfscombinaties worden verwerkt op basis van de overnamemethode op overnamedatum, zijnde de datum waarop de zeggenschap overgaat naar de Groep.

De groep heeft zeggenschap over een entiteit indien zij op basis van haar betrokkenheid bij de entiteit is blootgesteld aan, dan wel recht heeft op, variabele rendementen en het vermogen heeft die rendementen te beïnvloeden aan de hand van haar zeggenschap over de entiteit.

Goodwill wordt niet afgeschreven doch wordt jaarlijks op bijzondere waardevermindering getoetst, telkens er een aanwijzing bestaat dat de kasstroomgenererende eenheid waaraan goodwill werd toegerekend mogelijk een bijzondere waardevermindering heeft ondergaan. Het onderzoek van kasstroomgenererende eenheden op bijzondere waardevermindering wordt toegelicht in een daartoe voorziene rubriek van deze grondslagen.

Goodwill wordt gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Voor geassocieerde deelnemingen wordt het bedrag van de goodwill opgenomen in de boekwaarde van de investering.

De goodwill op overnamedatum wordt bepaald als:

  • het totaal van de reële waarde van de overgedragen vergoeding; en
  • het bedrag van enig minderheidsbelang in de overgenomen partij en in een bedrijfscombinatie die in verschillende fasen wordt gerealiseerd, de reële waarde op de overnamedatum van het voorheen aangehouden aandelenbelang van de overnemende partij in de overgenomen partij; verminderd met
  • het nettosaldo van de verworven identificeerbare activa en overgenomen verplichtingen.

Indien het belang van de Groep in de netto reële waarde van de identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen, de kostprijs van de bedrijfscombinatie overtreft, wordt dit surplus onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Voorwaardelijke te betalen vergoedingen worden opgenomen in de balans aan reële waarde op overnamedatum. Wijzigingen aan de reële waarde van voorwaardelijke te betalen vergoedingen, welke in de balans als verplichting zijn opgenomen, worden verwerkt via de winst- en verliesrekening.

Overnamekosten worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening geboekt.

3.1.2 Verwervingen van minderheidsbelangen

Minderheidsbelangen worden gewaardeerd tegen het proportionele aandeel in de netto-identificeerbare activa van de verworven partij op overnamedatum.

3.1.3 Dochterondernemingen

Dochterondernemingen zijn deze entiteiten waarover de Groep zeggenschap uitoefent. De groep heeft zeggenschap over een entiteit indien zij op basis van haar betrokkenheid bij de entiteit is blootgesteld aan, dan wel recht heeft op, variabele rendementen en het vermogen heeft die rendementen te beïnvloeden aan de hand van haar zeggenschap over de entiteit. De jaarrekeningen van de dochterondernemingen worden in de consolidatiekring opgenomen vanaf de datum van verwerving tot het einde van de zeggenschap.

3.1.3.1 Wijzigingen in het eigendomsbelang van een moedermaatschappij in een dochteronderneming die niet tot een verlies van zeggenschap leiden

Wijzigingen in het eigendomsbelang van een moedermaatschappij in een dochteronderneming die niet tot een verlies van zeggenschap leiden, worden verwerkt als eigenvermogenstransacties (d.w.z. transacties van aandeelhouders in hun hoedanigheid van eigenaar). In dergelijke omstandigheden moeten de boekwaarden van de meerderheids- en minderheidsbelangen worden aangepast om de wijzigingen in hun relatieve belangen in de dochteronderneming weer te geven.

Aanpassingen aan minderheidsbelangen, als gevolg van verrichtingen die niet leiden tot een verlies van zeggenschap, zijn gebaseerd op een proportioneel aandeel in het nettoactief van de dochteronderneming.

Elk eventueel verschil tussen het bedrag waarmee de minderheidsbelangen worden aangepast en de reële waarde van de ontvangen of betaalde vergoeding, moet rechtstreeks in het eigen vermogen worden verwerkt en aan de aandeelhouders van de moedermaatschappij worden toegewezen.

3.1.4 Verlies van zeggenschap

Wanneer een moedermaatschappij de zeggenschap over een dochteronderneming verliest, neemt ze op de datum waarop ze de zeggenschap verliest de boekwaarde van de activa en verplichtingen van de dochteronderneming evenals de boekwaarde van minderheidsbelangen in de voormalige dochteronderneming (met inbegrip van aan die minderheidsbelangen toerekenbare componenten van niet-gerealiseerde resultaten) niet langer in de balans op. Elk verschil dat voortvloeit uit een verlies van zeggenschap wordt als een winst of verlies opgenomen. Elke investering die de Groep aanhoudt in de voormalige dochteronderneming wordt opgenomen aan reële waarde op de datum van verlies van zeggenschap. Na eerste opname wordt de investering, afhankelijk van het deelnemingspercentage, verwerkt volgens de 'equity'-methode of als een financieel actief beschikbaar voor verkoop.

3.1.5 Geassocieerde deelnemingen

Een geassocieerde deelneming is een entiteit waarin de Onderneming invloed van betekenis heeft en die geen dochteronderneming of belang in een joint venture is. Als de Onderneming tussen 20 procent en 50 procent van de stemrechten van de deelneming aanhoudt, wordt verondersteld dat de Onderneming invloed van betekenis heeft. Volgens de 'equity'-methode wordt de investering in een geassocieerde deelneming bij eerste opname gewaardeerd aan de kostprijs. De kostprijs van de investering omvat transactiekosten. Een investering in een geassocieerde deelneming wordt verwerkt volgens de 'equity'-methode vanaf de datum waarop de investering een geassocieerde deelneming wordt. Bij de verwerving van de investering wordt een eventueel verschil tussen de kostprijs van de investering en het aandeel van de Onderneming in de netto reële waarde van de identificeerbare activa en verplichtingen van de geassocieerde deelneming als volgt verwerkt:

  • goodwill die betrekking heeft op een geassocieerde deelneming wordt opgenomen in de boekwaarde van de investering;
  • elk surplus van het aandeel van de investeerder in de netto reële waarde van de identificeerbare activa en verplichtingen van de geassocieerde deelneming ten opzichte van de kostprijs van de investering wordt als bate opgenomen bij de bepaling van het aandeel van de investeerder in de winst of het verlies van de geassocieerde deelneming tijdens de periode waarin de investering is verworven.

Wanneer er indicatie bestaat om een bijzonder waardeverminderingsverlies met betrekking tot een investering in een geassocieerde deelneming op te nemen, zijn de grondslagen voor financiële verslaggeving met betrekking tot bijzondere waardeverminderingsverliezen van toepassing.

3.1.5.1 Eliminatie van niet-gerealiseerde winsten en verliezen op transacties met geassocieerde deelnemingen

Winsten en verliezen die voortvloeien uit 'upstream'- en 'downstream'-transacties tussen de Onderneming (met inbegrip van zijn geconsolideerde dochterondernemingen) en een geassocieerde deelneming worden alleen in de jaarrekening van de Onderneming geëlimineerd ten belope van het belang van de Onderneming in de geassocieerde deelneming.

Een voorbeeld van een 'upstream'-transactie is de verkoop van activa van een geassocieerde deelneming aan de Onderneming. Een voorbeeld van een 'downstream' transactie is de verkoop van activa van de Onderneming aan een geassocieerde deelneming.

3.1.5.2 Verlies van invloed van betekenis over de geassocieerde deelneming

Vanaf de datum waarop de Onderneming invloed van betekenis over de geassocieerde deelneming verliest, wordt betreffende investering verwerkt conform IAS 39. Bij verlies van invloed van betekenis waardeert de Onderneming de investering in voormalige geassocieerde deelneming aan de reële waarde.

De Onderneming erkent in de winst- en verliesrekening alle verschillen tussen:

  • de reële waarde van de overblijvende investering en de inkomsten uit de vervreemding van het belang in de geassocieerde deelneming; en
  • de boekwaarde van de investering op de datum waarop de Onderneming zijn invloed van betekenis verliest.

3.1.6 Entiteiten en activiteiten waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend

3.1.6.1 Gezamenlijke overeenkomst

Een gezamenlijke overeenkomst is een overeenkomst waarover twee of meerdere partijen gezamenlijk zeggenschap uitoefenen. Gezamenlijke zeggenschap over een overeenkomst bestaat alleen wanneer contractueel is vastgesteld dat beslissingen over relevante activiteiten met unanimiteit van de betrokken partijen kunnen worden genomen. Afhankelijk van de rechten en verplichtingen van de betrokken partijen wordt een gezamenlijke overeenkomst geklasseerd als een activiteit waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend of als een joint venture.

3.1.6.2 Activiteiten waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend

Een activiteit waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend, betreft een overeenkomst waarbij de partijen gezamenlijk rechten hebben op de activa van de overeenkomst en verplichtingen uit hoofde van de schulden van de overeenkomst. De geconsolideerde jaarrekening omvat de activa waarover de Groep zeggenschap uitoefent en de verplichtingen die de Groep aangaat bij de uitvoering van de gezamenlijke activiteit, evenals de kosten die de Groep maakt en het aandeel van de opbrengsten dat de Groep met de gezamenlijke activiteit verdient.

3.1.6.3 Joint venture

Een joint venture is een overeenkomst waarover de Groep gezamenlijke zeggenschap uitoefent, waardoor de Groep rechten heeft op de nettoactiva van de overeenkomst maar geen rechten op de activa van de overeenkomst en geen verplichtingen uit hoofde van de schulden van de overeenkomst. Een deelnemer in een joint venture neemt zijn belang in een entiteit waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend op aan kostprijs volgens de 'equity'-methode.

3.1.7 Geëlimineerde transacties bij de consolidatie

Alle intragroepsaldi en -transacties, met inbegrip van niet-gerealiseerde resultaten op intragroeptransacties en -dividenden, worden bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening geëlimineerd. Winsten en verliezen uit transacties binnen de Groep die zijn opgenomen in de activa, zoals voorraden en vaste activa, worden volledig geëlimineerd. Niet-gerealiseerde winsten uit hoofde van transacties met investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode worden geëlimineerd naar rato van het belang dat de Groep in de investering heeft. Niet-gerealiseerde verliezen worden op dezelfde wijze geëlimineerd als niet-gerealiseerde winsten, maar alleen voor zover er geen aanwijzing is voor een bijzondere waardevermindering.

3.2 VREEMDE VALUTA

Elementen opgenomen in de jaarrekening van de entiteiten van de Groep worden gewaardeerd in de valuta van de primaire economische omgeving waarin de entiteit actief is (de functionele valuta). De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro die de functionele valuta en presentatievaluta van de Onderneming is.

3.2.1 Transacties en posten in vreemde valuta

Transacties in vreemde valuta worden omgerekend in de functionele valuta op basis van de wisselkoers die geldt op de transactiedatum. Valutakoersverschillen die ontstaan uit de afwikkeling van dergelijke transacties en uit de omrekening op basis van de slotkoers van monetaire activa en verplichtingen uitgedrukt in vreemde valuta worden in de winst- en verliesrekening opgenomen. Niet-monetaire posten die in vreemde

valuta worden uitgedrukt en tegen historische kostprijs worden gewaardeerd, worden omgerekend op basis van de wisselkoers die geldt op transactiedatum.

3.2.2 Buitenlandse activiteiten

Een buitenlandse activiteit is een entiteit die een dochteronderneming, geassocieerde deelneming, joint venture of filiaal van de verslaggevende entiteit is en waarvan de activiteiten zijn gebaseerd of worden uitgevoerd in een andere valuta dan euro. De resultaten en financiële positie van al de groepsondernemingen worden voor consolidatiedoeleinden omgerekend in de presentatievaluta op de volgende wijze:

  • de activa en verplichtingen worden omgerekend tegen de slotkoers op rapporteringsdatum;
  • de baten en lasten worden voor elke winst- en verliesrekening omgerekend tegen gemiddelde koers; en
  • de componenten van het eigen vermogen worden omgerekend aan historische koersen met uitzondering van de bewegingen van het jaar die aan de actuele koersen worden omgerekend.

Alle resulterende valutakoersverschillen worden als een afzonderlijke component in het eigen vermogen opgenomen. Het bedrag dat toewijsbaar is aan minderheidsbelangen wordt opgenomen als deel van de minderheidsbelangen.

Bij het afstoten van een buitenlandse activiteit moet het cumulatieve bedrag van de wisselkoersverschillen dat verband houdt met die buitenlandse activiteit, opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten en verwerkt in de afzonderlijke component van het eigen vermogen, worden overgeboekt van het eigen vermogen naar de winst of het verlies (als een herclassificatieaanpassing) wanneer de winst of het verlies op de afstoting wordt opgenomen. Bij de afstoting van een dochteronderneming, wordt het cumulatieve bedrag van de wisselkoersverschillen dat voordien aan de minderheidsbelangen werd toegewezen, niet langer als deel van de minderheidsbelangen getoond maar opgenomen in mindering van de ingehouden winsten.

Bij gedeeltelijke afstoting van een dochteronderneming die een buitenlandse activiteit omvat, moet de entiteit het evenredige deel van het cumulatieve bedrag van de wisselkoersverschillen dat in niet-gerealiseerde resultaten is opgenomen, opnieuw toerekenen aan de minderheidsbelangen in die buitenlandse activiteit. Bij elke andere gedeeltelijke afstoting van een buitenlandse activiteit moet de entiteit alleen het evenredige deel van het cumulatieve bedrag van de wisselkoersverschillen dat in nietgerealiseerde resultaten is opgenomen, overboeken naar de winst of het verlies.

Elke belangenvermindering in een buitenlandse activiteit wordt beschouwd als een gedeeltelijke afstoting van een buitenlandse activiteit, met uitzondering van belangenverminderingen die leiden tot:

  • het verlies van zeggenschap over een dochteronderneming die een buitenlandse activiteit omvat;
  • het verlies van invloed van betekenis over een geassocieerde deelneming die een buitenlandse activiteit omvat; en
  • het verlies van gezamenlijke zeggenschap over een overeenkomst waarover twee of meerdere partijen gezamenlijk zeggenschap uitoefenen.

Deze gedeeltelijke afnamen van belangen in buitenlandse activiteiten worden administratief verwerkt als afstotingen wat leidt tot een herclassificatieaanpassing van de valutakoersverschillen op deze buitenlandse activiteiten uit de niet-gerealiseerde resultaten naar de winst- en verliesrekening.

3.2.3 Afdekking van een netto-investering in een buitenlandse entiteit

Wanneer een verplichting uitgedrukt in vreemde valuta toegewezen wordt als afdekking van de netto-investering in een buitenlandse entiteit, worden de valutakoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van deze verplichting naar de functionele valuta, opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten.

Wanneer een derivaat toegewezen wordt als afdekking van een netto-investering in een buitenlandse entiteit, wordt het effectief deel van de winst of het verlies op het afdekkinginstrument rechtstreeks opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten; het ineffectief deel wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening.

3.3 FINANCIËLE INSTRUMENTEN

Financiële instrumenten omvatten een breed gamma aan financiële activa en verplichtingen. Zij omvatten zowel niet-afgeleide financiële instrumenten zoals geldmiddelen, vorderingen, investeringen in obligaties en aandelen als derivaten.

3.3.1 Niet-afgeleide financiële activa

Leningen en vorderingen worden in de balans opgenomen op het moment dat ze geïnitieerd worden. Alle andere financiële activa neemt de Groep op in haar balans op de transactiedatum, op het moment dat de Groep zich verbindt aan de contractuele bepalingen van het instrument.

De Groep neemt een financieel actief niet langer in de balans op vanaf het moment dat de contractuele rechten op de kasstromen uit het financieel actief aflopen of de Groep de contractuele rechten op de ontvangst van de kasstromen uit het financieel actief overdraagt in een transactie waarbij de risico's en voordelen van eigendom van het financieel actief overgedragen worden. Indien de entiteit nagenoeg alle risico's en voordelen van eigendom van het financieel actief noch overdraagt, noch behoudt, moet de entiteit vaststellen of zij zeggenschap over het financieel actief heeft behouden. In geval van verlies van zeggenschap mag de entiteit het financieel actief niet langer in de balans opnemen.

Financiële activa en verplichtingen worden netto in de balans opgenomen, uitsluitend wanneer de Groep beschikt over een wettelijk recht om de bedragen netto voor te stellen en zij de intentie heeft om de betreffende activa en verplichtingen hetzij gelijktijdig hetzij netto af te wikkelen. De Groep classificeert financiële activa in de volgende vier categorieën: financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening, tot einde looptijd aangehouden beleggingen, leningen en vorderingen en voor verkoop beschikbare financiële activa.

3.3.1.1 Financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening

Een financieel actief wordt geclassificeerd als gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening als het wordt aangehouden voor handelsdoeleinden of als het bij eerste opname als dusdanig is aangemerkt. Niet-afgeleide financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening omvatten investeringen in beleggingsfondsen.

3.3.1.2 Tot einde looptijd aangehouden beleggingen

De beleggingen van de Groep in waardepapieren met vaste of bepaalbare betalingen en een vaste looptijd worden door de Groep geclassificeerd in de categorie tot einde looptijd aangehouden financiële activa, op voorwaarde dat de Groep het uitdrukkelijke voornemen heeft deze beleggingen aan te houden tot einde looptijd. Bij eerste opname worden deze financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde inclusief direct toewijsbare transactiekosten. Na eerste opname worden tot einde looptijd aangehouden beleggingen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs volgens de effectieve rentemethode, verminderd met bijzondere waardeverminderingsverliezen (zie toelichting 3.7).

Tot einde looptijd aangehouden beleggingen omvatten zowel kortetermijnbeleggingen in waardepapieren die onder 'Geldmiddelen en kasequivalenten' worden getoond als langetermijnbeleggingen in waardepapieren opgenomen onder 'Investeringen'.

3.3.1.3 Leningen en vorderingen

Leningen en vorderingen zijn niet-afgeleide financiële activa met vaste of bepaalbare betalingen die niet op een actieve markt zijn genoteerd. Deze financiële activa worden bij eerste opname gewaardeerd tegen reële waarde inclusief direct toewijsbare transactiekosten. Na eerste opname worden leningen en vorderingen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs volgens de effectieve rentemethode, verminderd met bijzondere waardeverminderingsverliezen (zie toelichting 3.7). Leningen en vorderingen omvatten zowel handelsvorderingen, invorderbare minimale leasebetalingen, geldmiddelen en korte termijn deposito's en cheques als leningen en vorderingen die opgenomen zijn onder 'Investeringen'.

Geldmiddelen en kasequivalenten opgenomen in de categorie 'Leningen en vorderingen' omvatten geldmiddelen, deposito's en cheques met een looptijd die doorgaans korter is dan drie maanden te rekenen vanaf de datum van verwerving, waarvoor het risico op veranderingen in de reële waarde onbelangrijk is. De Groep gebruikt deze financiële activa in het kader van haar kortetermijnverplichtingen.

3.3.1.4 Voor verkoop beschikbare financiële activa

Voor verkoop beschikbare financiële activa zijn niet-afgeleide financiële activa die worden aangemerkt als voor verkoop beschikbaar en die niet worden geclassificeerd in één van de voorgaande categorieën. Voor verkoop beschikbare financiële activa worden gewaardeerd aan reële waarde vermeerderd met direct toewijsbare overnamekosten, behalve niet-genoteerde effecten waarvoor de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan worden bepaald. Deze activa worden geboekt tegen kostprijs. Winsten en verliezen die voortvloeien uit de verandering in de reële waarde van een

belegging die wordt geclassificeerd als financieel actief beschikbaar voor verkoop én die geen voorwerp uitmaakt van een afdekkingrelatie, worden rechtstreeks via het eigen vermogen geboekt.

Beleggingen van de Groep in aandelen en sommige beleggingen in waardepapieren worden geclassificeerd als voor verkoop beschikbare financiële activa.

Wanneer de belegging wordt verkocht, ontvangen of anderszins vervreemd of wanneer de boekwaarde van de belegging afgeboekt wordt tengevolge van een bijzondere waardevermindering, wordt op dat ogenblik de gecumuleerde winst (het verlies) die voordien begrepen was in het eigen vermogen overgeboekt naar de winst- en verliesrekening.

3.3.2 Niet-afgeleide financiële verplichtingen

De Groep neemt een financiële verplichting op in haar balans op de transactiedatum, op het moment dat de Groep zich verbindt aan de contractuele bepalingen van het instrument.

De rentedragende verplichtingen worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde, verminderd met direct toewijsbare transactiekosten. Na de initiële waardering worden de rentedragende verplichtingen opgenomen tegen geamortiseerde kostprijs, waarbij het verschil tussen het initiële bedrag en het aflossingsbedrag pro rata temporis in de winst- en verliesrekening wordt opgenomen op basis van de effectieve rentemethode.

De Groep neemt een financiële verplichting niet langer op in haar balans wanneer de contractuele verplichtingen teniet gaan, ontbonden worden of aflopen.

Niet-afgeleide financiële verplichtingen omvatten obligatieleningen, bankschulden, 'revolving' en andere kredietfaciliteiten, handelsschulden en overige te betalen posten.

3.3.3 Maatschappelijk kapitaal

3.3.3.1 Gewone aandelen

Gewone aandelen worden opgenomen in het eigen vermogen. Transactiekosten verbonden aan de uitgifte van de nieuwe aandelen zijn opgenomen in mindering van ingehouden winsten.

3.3.3.2 Inkoop van eigen aandelen

Indien aandelen die het eigen vermogen vertegenwoordigen terug worden ingekocht, wordt het betaalde bedrag met inbegrip van de aanverwante kosten beschouwd als een wijziging van het eigen vermogen. Ingekochte eigen aandelen worden geboekt als een vermindering van het eigen vermogen. Vernietigde eigen aandelen worden geboekt als een vermindering van ingehouden winsten.

3.3.4 Derivaten en afdekkingtransacties

De Groep maakt gebruik van derivaten voor het beheer van het wisselkoers- en renterisico dat voortvloeit uit de operationele, financiële en investeringsactiviteiten. In het kader van haar huidige thesauriepolitiek wendt de Groep geen derivaten aan voor handelsdoeleinden. Derivaten die economische afdekkingen zijn, doch die niet voldoen aan de strikte criteria voor 'hedge accounting' zoals voorgeschreven door IAS 39 Financiële instrumenten: opname en waardering, worden boekhoudkundig verwerkt als financiële activa of financiële verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening.

Derivaten worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde op de datum waarop het contract werd afgesloten (transactiedatum) en worden vervolgens geherwaardeerd tegen hun reële waarde. Naargelang het hier al dan niet gaat over kasstroomafdekkingen of een afdekking van een netto-investering in een buitenlandse entiteit, worden winsten of verliezen ofwel rechtstreeks in de niet-gerealiseerde resultaten ofwel in de winst- en verliesrekening opgenomen.

Kasstroomafdekkingen, reële-waardeafdekkingen of afdekkingen van netto-investeringen in buitenlandse entiteiten worden toegepast voor alle afdekkingen die in aanmerking komen voor 'hedge accounting' wanneer de vereiste documentatie van de afdekkingrelatie bestaat en wanneer de afdekking effectief is.

De reële waarden van derivaten afgesloten ter afdekking van het renterisico worden berekend op basis van gedisconteerde verwachte toekomstige kasstromen, rekening houdend met actuele marktrentevoeten en de rendementscurve over de resterende looptijd van het instrument. De reële waarden van termijnwisselcontracten zijn de genoteerde marktwaarden op rapporteringsdatum, zijnde de contante waarde van de genoteerde termijnkoersen.

3.3.4.1 Reële-waardeafdekkingen

Winsten of verliezen die voortvloeien uit de herwaardering van derivaten die formeel werden toegewezen voor de afdekking van de veranderingen in reële waarde van een opgenomen actief of verplichting of een niet-opgenomen vaststaande toezegging worden opgenomen in de winst- en verliesrekening. De afgedekte positie wordt eveneens gewaardeerd tegen reële waarde toewijsbaar aan het afgedekte risico, waarbij winsten of verliezen op de afgedekte positie worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.

3.3.4.2 Kasstroomafdekkingen

Het effectieve deel van de winsten of verliezen uit de reële waardeveranderingen van derivaten die als afdekkinginstrument specifiek toegewezen werden ter afdekking van de variabiliteit van kasstromen, gekoppeld aan een bepaald risico van een opgenomen actief of verplichting of een zeer waarschijnlijke verwachte toekomstige transactie, wordt opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten.

Indien de afdekking van een verwachte toekomstige transactie tot de opname van een niet-financieel actief of een niet-financiële verplichting leidt, worden de gecumuleerde winsten of verliezen tot dan toe opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten, overgeboekt naar de initiële boekwaarde van het ingedekte actief van waaruit ze nadien overgeboekt worden naar de winst- en verliesrekening, wanneer het verworven actief of de opgenomen verplichting de winst- en verliesrekening beïnvloedt. Leidt een afdekking van een verwachte toekomstige transactie tot de opname van een financieel actief of een financiële verplichting, dan wordt de cumulatieve winst of het cumulatieve verlies op het afdekkinginstrument uit de niet-gerealiseerde resultaten overgebracht naar de winst- en verliesrekening op het moment dat de toekomstige kasstroom de nettowinst of het nettoverlies beïnvloedt (voornamelijk wanneer de verwachte toekomstige transactie plaatsvindt of wanneer de variabele interestlast wordt opgenomen). Het niet-effectieve deel wordt onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen.

Wanneer het afdekkinginstrument afloopt of wordt verkocht, beëindigd of uitgeoefend, of wanneer de afdekking niet langer voldoet aan de criteria voor 'hedge accounting', dient de cumulatieve winst of het cumulatieve verlies (op dat ogenblik) op het afdekkinginstrument in de niet-gerealiseerde resultaten opgenomen te blijven tot de verwachte toekomstige transactie plaatsvindt. Dergelijke transacties worden verwerkt zoals beschreven in voorgaande paragraaf.

Indien de afgedekte transactie niet langer waarschijnlijk blijkt, worden alle gecumuleerde niet-gerealiseerde winsten of verliezen op dat moment overgedragen van de niet-gerealiseerde resultaten naar de winst- en verliesrekening.

3.4 MATERIËLE VASTE ACTIVA

3.4.1 Opname en waardering

De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.

De kostprijs van een materieel vast actief omvat:

  • de aankoopprijs, met inbegrip van invoerrechten en niet-restitueerbare belasting op de opbrengsten;
  • alle rechtstreeks toerekenbare kosten om het actief op de locatie en in de staat te krijgen die noodzakelijk is om te functioneren op de door het management beoogde wijze;
  • de eerste schatting van de kosten van ontmanteling en verwijdering van het actief, en van het herstel van het terrein waar het actief zich bevindt; de verplichting hiervoor wordt door de entiteit aangegaan wanneer het actief wordt verkregen, of ontstaat als gevolg van het gebruik gedurende een bepaalde periode voor andere doeleinden dan de productie van voorraden tijdens die periode;
  • geactiveerde financieringskosten.

Voor zelfvervaardigde materiële vaste activa omvatten de rechtstreeks toerekenbare kosten de directe materiaalkost, directe fabricagekosten, een evenredig deel van de vaste kosten van materiaal en fabricage, en een evenredig deel van de afschrijvingen van activa gebruikt bij de vervaardiging.

De kostprijs omvat tevens een evenredig deel van de kosten voor het bedrijfspensioenplan, andere vrijwillige personeelsbeloningen van de onderneming en geactiveerde financieringskosten.

3.4.2 Uitgaven na eerste opname

Uitgaven voor de herstellingen van materiële vaste activa worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Ze worden echter wel geactiveerd indien ze resulteren in een verhoging van het toekomstig economisch nut van de respectieve materiële vaste activa.

3.4.3 Materiële vaste activa aangehouden op grond van leaseovereenkomsten

Lease-overeenkomsten die vrijwel alle aan het eigendom van een actief verbonden risico's en beloningen aan de Groep overdragen, worden als financiële lease beschouwd. De activa verworven onder de vorm van financiële lease worden opgenomen voor een bedrag gelijk aan het laagste van de reële waarde en de contante waarde van de minimale leasebetalingen bij de aanvang van de lease-overeenkomst, verminderd met de geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.

3.4.4 Afschrijvingen

Materiële vaste activa worden vanaf datum van ingebruikname afgeschreven volgens de lineaire methode over de gebruiksduur van het actief, tenzij op basis van het effectieve gebruik de degressieve methode meer aangewezen is.

Voor materiële vaste activa aangehouden op grond van lease-overeenkomsten stemt de afschrijvingsperiode overeen met de gebruiksduur of met de looptijd van de leaseovereenkomst, indien korter.

Activa in eigendom
Gebouwen 20 tot 50 jaar
Andere bouwwerken 10 tot 20 jaar
Bedrijfsinstallaties 6 tot 20 jaar
Machines en uitrusting 6 tot 12 jaar
Laboratorium- en onderzoeksinstallaties 3 tot 5 jaar
Rollend materieel 4 tot 8 jaar
Computermaterieel 3 tot 5 jaar
Bedrijfs- en kantooruitrusting 4 tot 10 jaar

De geschatte gebruiksduur van de respectieve activa is de volgende:

De afschrijvingsperiode, economische levensduur en restwaarde van vaste activa worden op geregelde tijdstippen geëvalueerd en aangepast indien nodig.

3.5 IMMATERIËLE ACTIVA

3.5.1 Goodwill

Goodwill die ontstaat bij de overname van dochterondernemingen wordt opgenomen onder immateriële activa. Voor de waardering bij eerste opname verwijzen we naar toelichting 3.1.1 'Bedrijfscombinaties'.

3.5.1.1 Na eerste opname

Goodwill wordt na eerste opname gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Voor geassocieerde deelnemingen die volgens de 'equity'-methode worden gewaardeerd, wordt het bedrag van de goodwill opgenomen in de boekwaarde van de investering. Eventuele bijzondere waardeverminderingsverliezen worden eveneens opgenomen in de boekwaarde van de geassocieerde deelneming.

3.5.2 Kosten van onderzoek en ontwikkeling

Kosten van onderzoek en ontwikkeling worden als een kost in de winst- en verliesrekening opgenomen in de periode waarin zij worden gemaakt, met uitzondering voor bepaalde kosten van ontwikkeling, welke op de balans worden opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat het ontwikkelingsproject een succes zal zijn en wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan zoals technische uitvoerbaarheid en het kunnen aantonen dat het ontwikkelingsproject waarschijnlijke toekomstige economische voordelen zal genereren. Kosten van ontwikkeling opgenomen op de balans worden afgeschreven op een systematische manier over hun geschatte gebruiksduur.

3.5.3 Overige immateriële activa

Immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur, zoals handelsnamen, worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.

Immateriële activa met een beperkte gebruiksduur worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.

In overeenstemming met IFRS 3 Bedrijfscombinaties is de kostprijs van een immaterieel actief verworven in een bedrijfscombinatie de reële waarde van het immaterieel actief op overnamedatum. De reële waarde van een immaterieel actief weerspiegelt de marktverwachtingen over de waarschijnlijkheid dat toekomstige economische voordelen, vervat in het actief, naar de entiteit zullen toevloeien.

3.5.4. Uitgaven na eerste opname

Uitgaven na eerste opname worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Ze worden echter wel geactiveerd indien ze resulteren in een verhoging van het toekomstig economisch nut van de respectieve materiële vaste activa.

3.5.5 Afschrijvingen

Immateriële activa met onbepaalde gebruiksduur worden niet afgeschreven. Zij worden jaarlijks op bijzondere waardevermindering getoetst en elke keer wanneer er een aanwijzing bestaat dat zij mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan.

Immateriële activa met een beperkte gebruiksduur, zoals verworven technologie en klantenrelaties worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de geschatte gebruiksduur, in het algemeen over een periode van drie tot 20 jaar. Afschrijvingsmethode, gebruiksduur en restwaarde worden op rapporteringsdatum telkens opnieuw beoordeeld en indien nodig aangepast.

3.6 VOORRADEN

Grondstoffen, hulpgoederen en handelsgoederen zijn gewaardeerd aan aanschaffingswaarde. Goederen in bewerking en afgewerkte producten zijn gewaardeerd aan kostprijs. De kostprijs omvat naast de directe productie- en materiaalkosten, een evenredig deel van de indirecte kosten ('overheads') van de productie en het materiaal en een evenredig deel van de afschrijvingen van de activa die in het productieproces werden gebruikt. Bovendien wordt een evenredig deel van de kosten voor het bedrijfspensioenplan en andere vrijwillige personeelsbeloningen toegerekend. Administratiekosten zijn inbegrepen voor zover ze verband houden met de productie.

De voorraden worden gewaardeerd volgens de methode van de gewogen gemiddelde kostprijs. Indien de aanschaffingswaarde of de kostprijs hoger is dan de opbrengstwaarde, wordt de waardering aan de lagere opbrengstwaarde toegepast. De opbrengstwaarde is gelijk aan de geschatte normale verkoopprijs, verminderd met de geschatte afwerkingkosten en de geschatte kosten die nodig zijn om de verkoop te realiseren.

3.7 BIJZONDERE WAARDEVERMINDERING VAN ACTIVA

3.7.1 Niet-afgeleide financiële activa

Voor een financieel actief dat niet wordt gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening moet aan het eind van elk boekjaar worden beoordeeld of er objectieve aanwijzingen zijn voor bijzondere waardeverminderingsverliezen. Bij aanwezigheid van dergelijke aanwijzingen moet de entiteit de realiseerbare waarde inschatten.

3.7.1.1. Financiële activa gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs

Voor leningen en vorderingen en tot einde looptijd aangehouden beleggingen van de Groep die tegen geamortiseerde kostprijs worden gewaardeerd, is de realiseerbare waarde gelijk aan de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen, contant gemaakt tegen de oorspronkelijke effectieve rentevoet van het financieel actief (dat wil zeggen de bij eerste opname berekende effectieve rentevoet). Wanneer de boekwaarde van een financieel actief hoger is dan haar realiseerbare waarde dient de boekwaarde van het betreffende actief te worden verminderd door het vormen van een voorziening. Het verliesbedrag moet in de winst- en verliesrekening worden opgenomen.

Een bijzonder waardeverminderingsverlies dat in voorgaande perioden voor een actief werd opgenomen, wordt teruggeboekt als en slechts als er sinds de opname van het laatste bijzonder waardeverminderingsverlies een wijziging heeft plaatsgevonden in de schattingen die gebruikt worden om de realiseerbare waarde van het actief te bepalen.

De Onderneming beoordeelt minstens op kwartaalbasis de belangrijkste uitstaande handelsvorderingen (die in totaal ±70% van de totale uitstaande vorderingen vertegenwoordigen) individueel op hun inbaarheid.

Aanpassingen aan de rekening van de waardeverminderingsverliezen worden gemaakt op basis van professionele oordeelsvorming en met in acht name van volgende algemene principes:

  • alle vorderingen waarvoor de inning door de juridische afdeling wordt opgevolgd worden volledig afgewaardeerd;
  • de resterende uitstaande vorderingen andere dan vorderingen die individueel op inbaarheid worden beoordeeld of door het juridisch departement worden behandeld – worden afgewaardeerd op basis van het aantal dagen dat de bedragen invorderbaar zijn;
  • niet-inbare vorderingen waarvoor een kredietverzekering werd afgesloten worden uitsluitend afgewaardeerd voor het risico dat bij de Groep blijft;
  • uitstaande vorderingen afgedekt door een kredietbrief worden niet afgewaardeerd.

Om het kredietrisico op invorderbare minimale leasebetalingen af te dekken, beoordeelt de Onderneming minstens op kwartaalbasis alle uitstaande vorderingen individueel op hun inbaarheid. Aanpassingen aan de rekening van de waardeverminderingsverliezen worden doorgaans gemaakt op basis van het aantal dagen dat de bedragen invorderbaar zijn. Afwijkingen blijven echter mogelijk op basis van onderliggende informatie verkregen van het 'Credit and Collections'-departement. Bij de beoordeling van de inbaarheid van invorderbare minimale leasebetalingen houdt het management rekening met de marktwaarde van het onderliggend actief, kredietverzekering en het bestaan van een kredietbrief.

3.7.1.2 Voor verkoop beschikbare financiële activa

Voor verkoop beschikbare financiële activa omvatten investeringen in aandelen en rentedragende instrumenten, andere dan investeringen verwerkt volgens de 'equity' methode, en worden geboekt aan reële waarde, met uitzondering van de aandelen die niet op een actieve markt zijn genoteerd en waarvoor de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan worden bepaald.

Bijzondere waardeverminderingen op voor verkoop beschikbare financiële activa welke aan reële waarde worden gewaardeerd, worden opgenomen door het omboeken van de gecumuleerde verliezen tot dan opgenomen in de reële waardereserve van de nietgerealiseerde resultaten naar de winst- en verliesrekening.

Het gecumuleerde verlies dat vanuit de niet-gerealiseerde resultaten naar de winst- en verliesrekening wordt omgeboekt, is het verschil tussen de aankoopprijs, na eventuele terugbetaling van de hoofdsom en na amortisatie, en de actuele reële waarde

verminderd met bijzondere waardeverminderingsverliezen erkend in vroegere winst- en verliesrekeningen. Wijzigingen in het cumulatieve bedrag aan bijzondere waardeverminderingen die kunnen worden toegewezen aan de toepassing van de effectieve rentemethode worden weergegeven als een component van de financieringsbaten. Wanneer, in een erop volgende periode, de reële waarde van voor verkoop beschikbare waardepapieren (andere dan aandelen) toeneemt en de toename kan met redelijke zekerheid worden toegewezen aan een gebeurtenis die heeft plaats gevonden nadat een bijzonder waardeverminderingsverlies voor een actief werd opgenomen, dan wordt het waardeverminderingsverlies teruggeboekt waarbij het bedrag van de terugboeking in de winst- en verliesrekening wordt opgenomen.

In het geval dat de reële waarde van een voor verkoop beschikbaar financieel actief waarop een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt werd, kan gerecupereerd worden, wordt deze in de niet-gerealiseerde resultaten opgenomen.

3.7.2 Niet-financiële activa

Goodwill en immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur worden jaarlijks op bijzondere waardevermindering getoetst en elke keer wanneer er een aanwijzing bestaat dat zij mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan.

Het toetsen op bijzondere waardevermindering gebeurt ieder jaar op hetzelfde ogenblik en op het niveau van de kasstroomgenererende eenheid.

De Groep bepaalt haar kasstroomgenererende eenheden overeenkomstig de wijze waarop ze haar goodwill beheert en economische voordelen bekomt van de verworven goodwill en immateriële activa. Het toetsen op bijzondere waardevermindering gebeurt door het vergelijken van de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheden met hun realiseerbare waarde, gebaseerd op hun verwachte toekomstige kasstromen gedisconteerd tegen een gepaste disconteringsvoet voor belastingen.

De disconteringsvoet die gebruikt wordt in de bepaling van de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen is een disconteringsvoet die gebaseerd is op een gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC). Deze gewogen gemiddelde kapitaalkost is gebaseerd op een verhouding vreemd vermogen versus eigen vermogen van een gemiddelde marktparticipant waarbij een extra risicocomponent toegevoegd werd aan de kost van eigen vermogen. De kost van vreemd vermogen is gebaseerd op voorwaarden die vergelijkbare bedrijven voor hun langetermijnfinanciering zouden kunnen negotiëren. Het risico verbonden aan de verwachtingen van de prijsevoluties van zilver en aluminium is weerspiegeld in de toekomstige kasstromen.

Er wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt indien de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid zijn realiseerbare waarde overtreft. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.

Op iedere rapporteringsdatum dient te worden nagegaan of er een aanwijzing bestaat dat de boekwaarden van de materiële vaste activa, immateriële activa met een beperkte gebruiksduur en financiële activa mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan. Indien een dergelijke indicatie bestaat, wordt de realiseerbare waarde van het actief geraamd. Er wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt als de boekwaarde van een actief zijn realiseerbare waarde overtreft. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.

De realiseerbare waarde van de materiële vaste activa en immateriële activa met een beperkte gebruiksduur is de hoogste waarde van de reële waarde minus verkoopkosten en de gebruikswaarde. Voor de bepaling van de gebruikswaarde worden de geschatte toekomstige kasstromen gedisconteerd naar hun contante waarde op basis van een disconteringsvoet voor belastingen die de tijdswaarde van geld en de aan het actief verbonden specifieke risico's weerspiegelt. De realiseerbare waarde van de leningen en vorderingen van de Groep is de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen contant gemaakt tegen de oorspronkelijke effectieve rentevoet van het

financiële actief.

Een bijzonder waardeverminderingsverlies dat in voorgaande perioden voor een actief, met uitsluiting van goodwill, werd opgenomen, wordt teruggeboekt als en slechts als er sinds de opname van het laatste bijzonder waardeverminderingsverlies een wijziging heeft plaatsgevonden in de schattingen die gebruikt worden om de realiseerbare waarde van het actief te bepalen.

3.8 VASTE ACTIVA AANGEHOUDEN VOOR VERKOOP

De Groep classificeert een vast actief (of een groep activa die wordt afgestoten) als aangehouden voor verkoop wanneer zijn boekwaarde hoofdzakelijk zal worden gerealiseerd in een verkooptransactie en niet door het voortgezette gebruik ervan. Onmiddellijk voordat het actief voor het eerst wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, waardeert de Groep de boekwaarde van het actief (of van alle activa en verplichtingen in de Groep) overeenkomstig de van toepassing zijnde IFRS. Bij de initiële classificatie als aangehouden voor verkoop, worden vaste activa en groepen van activa die worden afgestoten, gewaardeerd tegen de laagste waarde van hun boekwaarde en hun reële waarde minus de verkoopkosten. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen voor elke eerste of latere afschrijving van een actief (of een groep activa die wordt afgestoten) tot de reële waarde minus verkoopkosten. Vaste activa aangehouden voor verkoop worden niet langer afgeschreven.

3.9 PERSONEELSBELONINGEN

Voor de boekhoudkundige behandeling van verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding maakt IFRS een onderscheid tussen toegezegdebijdrageregelingen en toegezegdpensioenregelingen. De classificatie is afhankelijk van de partij – Onderneming of werknemer – die het actuarieel en investeringsrisico draagt. Bij een toegezegdebijdrageregeling draagt de werknemer alle risico's en dient de Onderneming bijgevolg geen verplichting op te nemen in haar geconsolideerde jaarrekening tenzij met betrekking tot onbetaalde bijdragen. Bij toegezegdpensioenregelingen draagt de Onderneming het actuarieel en investeringsrisico en dient zij bijgevolg een verplichting op te nemen in de balans. De boekhoudkundige verwerking van sommige hybride plannen welke kenmerken van beide types, toegezegdebijdrageregeling en toegezegdpensioenregeling, vertonen worden niet behandeld in IFRS 19 Personeelsbeloningen. Een voorbeeld van dergelijke hybride plannen zijn de Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement. Aangezien IFRS de boekhoudkundige verwerking van deze plannen niet specifieert heeft het management een passende en betrouwbare boekhoudkundige regel voor deze plannen opgesteld.

3.9.1 Toegezegdebijdrageregelingen

De betaalde bijdrage wordt onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Ze wordt toegewezen aan de kosten volgens hun functie: kostprijs van verkopen, kosten van onderzoek en ontwikkeling, verkoopkosten en algemene beheerskosten.

3.9.2 Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement

Belgische toegezegdebijdrageregelingen vallen onder toepassingsgebied van de Wet van 28 april 2003 op de aanvullende pensioenen, kort WAP genoemd. Volgens artikel 24 van deze wet is de werkgever verplicht een minimum rendement van 3,75% op de persoonlijke bijdragen van de werknemer en 3,25% op de bijdragen van de werkgever te garanderen. Artikel 24 van de WAP verplicht de werkgever om op datum van de beëindiging van het plan de bijdragen gekapitaliseerd aan voornoemde vooropgestelde rendementen te garanderen. Omwille van de aard, voldoen pensioenplannen die voorzien in voordelen aan het personeel op basis van gewaarborgd rendement niet aan de definitie van toegezegdbijdrageregeling zoals beschreven in IFRS. Bijgevolg dienen deze als toegezegdpensioenregeling te worden gerangschikt wat een waardering van de verplichting vereist. Voor de waardering van de verplichting past het management een

methode op basis van intrinsieke waarde toe. Volgens deze methode wordt de verplichting per aangeslotene bepaald als het verschil tussen de wiskundige reserves, zijnde de reserves berekend door alle betaalde bijdragen te kapitaliseren aan de rentevoet zoals gegarandeerd door de verzekeraar – rekening houdend met de winstdeelnamereserve en de minimumreserve berekend conform artikel 24 van de WAP. Deze beoordeling houdt eveneens rekening met aan betreffende plannen toewijsbare saldi van financieringsfondsen. Het management is van oordeel dat deze methode geschikter is dan de 'projected unit credit (PUC)'-methode die IFRS oplegt voor 'zuivere' toegezegdpensioenregelingen. De PUC-methode wordt verder in detail onder 3.9.3 'Toegezegdpensioenregelingen' besproken.

Bij toepassing van de PUC-methode wordt een voorziening betreffende de toekomstige carrière van elke werknemer aangelegd en dit vanaf het moment dat deze werknemer tot het plan toetreedt. Bij een pensioenplan met gewaarborgd rendement heeft de sponsor van het plan de verplichting om het rendement dat op datum van de beëindiging van het plan werd vooropgesteld te garanderen en moet elke eventuele onderfinanciering die op dat moment aanwezig is aanzuiveren. Daarna heeft de sponsor van het plan geen enkele verplichting meer ten aanzien van de betreffende werknemers, dit in tegentelling tot toegezegdpensioenregelingen welke in periodieke renten voorzien. Bovendien, omwille van de prognoses die voor de PUC-methode worden gebruikt, genereert het toepassen van deze methode in het algemeen initieel een belangrijke voorziening doordat een eventuele onderfinanciering op balansdatum dient te worden erkend. Het management meent dat een zuivere en eenvoudige toepassing van de PUCmethode ten aanzien van Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement niet tot een getrouw beeld van de verplichting van de sponsor van het plan leidt noch relevante informatie aan de gebruikers van jaarrekeningen verstrekt.

Bijdragen betaald voor Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Ze wordt toegewezen aan de kosten volgens hun functie: kostprijs van verkopen, kosten van onderzoek en ontwikkeling, verkoopkosten en algemene beheerskosten.

3.9.3 Toegezegdpensioenregelingen

De boekwaarde op de balans van toegezegdpensioenregelingen wordt bepaald als de contante waarde van de brutoverplichtingen uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen verminderd met de reële waarde van fondsbeleggingen. Wanneer deze berekening een nettosurplus oplevert, dan wordt de waarde van het hieruit resulterend opgenomen actief begrensd tot het totaal van de contante waarde van de economische voordelen die beschikbaar zijn in de vorm van terugbetalingen uit de regeling of verlagingen van toekomstige bijdragen aan de regeling.

De contante waarde van de brutoverplichtingen uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen (DBO) en de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten worden door een gekwalificeerd actuaris berekend volgens de 'Projected Unit Credit'-methode (PUC). Volgens deze methode worden de toekomstige jaarlijkse uitkeringen verdisconteerd aan een veronderstelde interestvoet. De totale verplichting die hieruit voortvloeit wordt vervolgens toegerekend aan de verstreken diensttijd – die de DBO vertegenwoordigt – en aan het huidige dienstjaar – die de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten vertegenwoordigen. De veronderstelde interestvoet is de disconteringsvoet bepaald op basis van het marktrendement op rapporteringsdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de geschatte looptijd van de brutoverplichtingen uit hoofde van vergoedingen na uitdiensttreding. Bij het bepalen van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen wordt rekening gehouden met toekomstige aanpassingen in salarissen en pensioenuitkeringen. De DBO omvat tevens de netto actuele waarde van de effecten van belastingen die door het plan verschuldigd zijn op bijdragen of vergoedingen met betrekking tot de verstreken diensttijd.

Het bedrag dat in de winst- en verliesrekening wordt geboekt, bestaat uit de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten, de pensioenkosten van verstreken diensttijd, het effect van enige inperkingen en afwikkelingen van een toegezegdpensioenregeling, de interest op de nettoverplichting en administratieve kosten en belastingen. De aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten evenals andere administratieve kosten die geen verband houden met het beheer van de fondsbeleggingen worden toegewezen aan de kosten volgens hun functie: kostprijs van verkopen, kosten van onderzoek en ontwikkeling, verkoopkosten en algemene beheerskosten.

Pensioenkosten van verstreken diensttijd worden onmiddellijk als kost opgenomen onder 'Overige bedrijfskosten'. Winsten of verliezen op de inperking of afwikkeling van een toegezegdpensioenregeling worden erkend in 'Overige bedrijfsopbrengsten', respectievelijk 'Overige bedrijfskosten' op het moment dat de inperking of afwikkeling plaatsvindt. Administratieve kosten die verbonden zijn aan het beheer van fondsbeleggingen en belastingen die rechtstreeks gelinkt zijn aan het rendement van de fondsbeleggingen en die door het plan worden gedragen zijn mee begrepen in het rendement op de fondsbeleggingen en worden opgenomen in de staat van de nietgerealiseerde resultaten over het boekjaar, na winstbelastingen.

De interest op de nettoverplichting van toegezegdpensioenregelingen wordt in de winst- en verliesrekening opgenomen onder 'Overige financiële kosten'. Ze wordt berekend door de disconteringsvoet die gebruikt wordt voor de berekening van de contante waarde van de brutoverplichting toe te passen op de nettoverplichting. De interest op de nettoverplichting wordt uitgesplitst over de interestopbrengsten op fondsbeleggingen en interestkosten op de contante waarde van de brutoverplichting. Het verschil tussen de interestopbrengsten en het rendement op fondsbeleggingen wordt opgenomen in de rapporteringslijn 'Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen' en gepresenteerd in het overzicht van de niet-gerealiseerde resultaten.

Naast het verschil tussen het rendement op de fondsbeleggingen en de bedragen welke begrepen zijn in de interest op de nettoverplichting, omvat de rapporteringslijn 'Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen' tevens actuariële winsten en verliezen die bijvoorbeeld resulteren uit een aanpassing van de aanname inzake disconteringsvoet. Al deze effecten uit herwaarderingen worden getoond in het overzicht van de niet-gerealiseerde resultaten.

Plannen die voorzien in een 'stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT)', worden beschouwd als ontslagvergoedingen (zie 3.9.5).

3.9.4 Overige langetermijnpersoneelsbeloningen

De nettoverplichting van de Groep uit hoofde van langetermijnpersoneelsbeloningen andere dan bedrijfspensioenplannen, levensverzekeringsplannen en plannen voor medische bijstand heeft betrekking op de pensioenaanspraken die werknemers hebben opgebouwd in ruil voor hun diensten in de verslagperiode en voorgaande perioden. Deze verplichting wordt berekend op basis van de 'projected unit credit'-methode en wordt gedisconteerd om de contante waarde te bepalen en de reële waarde van hiermee samenhangende activa wordt hierop in mindering gebracht. De gebruikte disconteringsvoet is het marktrendement op rapporteringsdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de geschatte looptijd van de verplichtingen van de Groep.

In tegenstelling tot de boekhoudkundige verwerking van toegezegdpensioenregelingen worden herwaarderingen van overige langetermijnpersoneelsbeloningen niet getoond in het overzicht van de niet-gerealiseerde resultaten, maar erkend in de winst-en verliesrekening onder 'Overige fananciële kosten'.

3.9.5 Ontslagvergoedingen

Ontslagvergoedingen worden opgenomen als een verplichting en als een last wanneer een groepsonderneming zich aantoonbaar heeft verbonden tot ofwel:

  • het beëindigen van de tewerkstelling van een werknemer of groep van werknemers vóór de normale pensioendatum; of
  • de betaling van ontslagvergoedingen als gevolg van een aanbod ter aanmoediging van vrijwillige pensionering en in de mate dat het waarschijnlijk is dat de werknemers het aanbod zullen aanvaarden

Wanneer ontslagvergoedingen verschuldigd zijn na twaalf maanden volgend op de rapporteringsdatum, dan worden ze gedisconteerd aan een disconteringsvoet gelijk aan het marktrendement op rapporteringsdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de termijn van de verplichtingen van de Groep.

De interestimpact van de afwikkeling en waardering van ontslagvergoedingen aan de op balansdatum geldende disconteringsvoeten wordt in de winst- en verliesrekening opgenomen onder 'Overige financieringskosten'. De impact van toe- en afnamen van de verplichtingen van de Group betreffende ontslagvergoedingen wordt opgenomen onder 'Overige bedrijfskosten' – Reorganisatiekosten.

3.9.6 Kortetermijnpersoneelsbeloningen

De verplichtingen uit hoofde van kortetermijnpersoneelsbeloningen worden gewaardeerd op een niet-gedisconteerde basis. Ze worden in de winst- en verliesrekening opgenomen in de periode waarin de gerelateerde prestaties worden geleverd. Een verplichting wordt opgenomen voor de personeelsbeloningen die betaalbaar zijn binnen de twaalf maanden op voorwaarde dat de Groep een bestaande in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft om dergelijke betalingen te doen als gevolg van verleende prestaties in het verleden en indien de verplichting op een betrouwbare manier kan worden bepaald.

3.9.7 Op aandelen gebaseerde betalingen

De Groep heeft op aandelen gebaseerde betalingstransacties. De reële waarde van de diensten ontvangen vanwege werknemers wordt opgenomen als een last met een overeenkomstige toename in het eigen vermogen. Het totale bedrag dat gespreid over de periode waarin de werknemers onvoorwaardelijk recht krijgen op betalingen als last dient te worden opgenomen, wordt bepaald op basis van de reële waarde van de toegekende aandelenopties, waarbij geen rekening wordt gehouden met de impact van niet-marktgerelateerde voorwaarden. Met niet-marktgerelateerde voorwaarden wordt rekening gehouden in de veronderstellingen inzake het verwachte aantal aandelenopties dat onvoorwaardelijk wordt. Op iedere rapporteringsdatum herziet de Groep zijn schattingen van het verwachte aantal aandelenopties dat onvoorwaardelijk wordt. Indien van toepassing, wordt de impact van de herziening van de oorspronkelijke schattingen opgenomen in de winst- en verliesrekening met een overeenkomstige boeking in het eigen vermogen, verdeeld over de periode waarin de werknemers onvoorwaardelijk recht krijgen op betalingen. Indien de opties worden uitgeoefend, wordt het eigen vermogen verhoogd met het bedrag van de ontvangen gelden.

3.10 VOORZIENINGEN

Voorzieningen worden in de balans opgenomen indien een onderneming van de Groep een bestaande verplichting heeft (in rechte afdwingbare of feitelijke) tengevolge van een gebeurtenis van het verleden en als het waarschijnlijk is dat de afwikkeling van deze verplichting resulteert in een uitstroom van middelen die economische voordelen in zich bergen en een betrouwbare inschatting gemaakt kan worden van het bedrag van de verplichting.

Het bedrag van de voorziening is gebaseerd op een beste schatting van de uitgaven die vereist zijn om de bestaande verplichting op de rapporteringsdatum af te wikkelen.

Indien het effect van de tijdswaarde van geld materieel is, worden voorzieningen gedisconteerd op basis van een disconteringsvoet vóór belastingen waarbij rekening wordt gehouden met de huidige marktbeoordelingen voor de tijdswaarde van het geld en de risico's die inherent zijn aan de verplichting.

3.10.1 Garantieverplichtingen

Een voorziening voor garantieverplichtingen ter waarde van de ingeschatte vervangingskost voor de Groep wordt aangelegd op het moment dat de opbrengsten in de winst- en verliesrekening opgenomen worden.

3.10.2 Reorganisatiekosten

Een voorziening voor reorganisatiekosten wordt geboekt indien de Groep formeel een gedetailleerd reorganisatieplan heeft goedgekeurd en bij de betrokkenen een geldige verwachting heeft gewekt dat de reorganisatie zal worden doorgevoerd door het plan te beginnen uitvoeren of door de belangrijke kenmerken ervan mee te delen aan de betrokkenen. Voor toekomstige exploitatieverliezen worden geen voorzieningen opgenomen.

3.10.3 Aanpassingen en saneringen van terreinen

Indien er terreinen vervuild zijn, dan wordt er, in overeenstemming met de gepubliceerde milieupolitiek van de Groep en de van toepassing zijnde wettelijke verplichtingen, een voorziening voor bodemsanering aangelegd.

3.10.4 Verlieslatende contracten

Een voorziening wordt aangelegd voor overeenkomsten waarbij de onvermijdelijke kosten die nodig zijn om de verplichtingen uit hoofde van het contract na te komen, hoger liggen dan de economische voordelen die naar verwachting uit het contract worden ontvangen.

3.11 OPBRENGSTEN

Opbrengsten worden gewaardeerd tegen de reële waarde van de vergoeding na belastingen, kortingen en rabatten.

Opbrengsten uit de verkoop van goederen en diensten worden door de Groep in de winst- en verliesrekening opgenomen op het ogenblik dat de wezenlijke risico's en voordelen van eigendom van de goederen/diensten worden overgedragen aan de koper, het bedrag van de opbrengst op een betrouwbare wijze kan gewaardeerd worden, er geen significante onzekerheid bestaat over de inning van de vordering en/of de eventuele terugzending van de goederen, de reeds gemaakte of nog te maken kosten met betrekking tot de transactie op een betrouwbare wijze kunnen ingeschat worden en er geen sprake is van voortgezette betrokkenheid bij de goederen.

3.11.1 Verkoop van goederen

Wat betreft de verkoop van verbruiksgoederen, chemicaliën, wisselstukken, uitrusting en softwarelicenties is er aan deze opnamecriteria in het algemeen voldaan op het moment dat de goederen verscheept zijn en geleverd zijn aan de koper en, afhankelijk van de leveringsvoorwaarden, de eigendomstitel overgedragen werd en acceptatie van de goederen werd bekomen.

3.11.2 Dienstverlening

Opbrengsten uit dienstverlening zoals onderhoud worden lineair over de contractueel vastgelegde periode gedurende dewelke de diensten worden verleend, opgenomen in de winst- en verliesrekening.

3.11.3 Royalties

Vergoedingen en royalties betaald voor het gebruik van de activa van de Onderneming worden op 'accrual'-basis opgenomen in overeenstemming met de voorwaarden en het

voorwerp van betreffende overeenkomst. In een aantal situaties is de ontvangst van een licentievergoeding of royalty afhankelijk van het zich voordoen van een toekomstige gebeurtenis. In deze situaties worden opbrengsten uitsluitend opgenomen op het ogenblik dat er redelijke zekerheid bestaat over de inning van de vergoeding of royalty wat over het algemeen het tijdstip is waarop de gebeurtenis plaats vindt.

3.11.4 Overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aan de koper worden aangeboden

De Groep sluit tevens overeenkomsten af waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden aan de koper ('multiple element arrangements'). Deze overeenkomsten omvatten onder meer de verkoop van software, hardware en diensten zoals opleiding, onderhoud en dienstverlening na verkoop. Voor zulke overeenkomsten wordt steeds nagekeken of de levering van elk van deze goederen en/of diensten kan beschouwd worden als een afzonderlijke boekhoudkundige eenheid waarop de opnamecriteria kunnen toegepast worden. Opbrengsten met betrekking tot de geleverde goederen en/of diensten kunnen los van elkaar in de winst- en verliesrekening opgenomen worden op voorwaarde dat:

  • de goederen en/of diensten onafhankelijk van elkaar waarde creëren voor de koper;
  • de reële waarde van de nog niet geleverde goederen en/of diensten op een betrouwbare en objectieve manier kan bepaald worden; en
  • in geval de overeenkomst een teruggavenrecht bevat, de Onderneming met voldoende zekerheid de succesvolle oplevering van de nog niet geleverde goederen en/of diensten kan inschatten en verzekeren.

Voor zover deze overeenkomsten geen softwareproducten bevatten die significante aanpassingen en programmatie op maat van de koper vereisen, wordt de totale verkoopprijs van de overeenkomst toegewezen aan de verschillende identificeerbare goederen en/of diensten op basis van hun reële waarde. De reële waarde van de verschillende goederen en/of diensten vervat in de overeenkomst wordt bepaald aan de hand van objectieve ondernemingsspecifieke gegevens. Deze objectieve ondernemingsspecifieke gegevens zijn de door de onderneming gehanteerde prijslijsten wanneer de goederen en/of diensten afzonderlijk verkocht worden op de markt.

Het deel van de verkoopprijs toegekend aan ieder element van de transactie zal in de winst- en verliesrekening opgenomen worden op het moment dat de levering van het product heeft plaatsgevonden, de verkoopprijs vaststaand of bepaalbaar is en de inning van de verkoopprijs met voldoende zekerheid kan ingeschat worden en dit alles op voorwaarde dat een verkoopovereenkomst afgesloten werd met de koper.

In het geval dat de reële waarde van een of meerdere reeds geleverde goederen en/of diensten niet op een objectieve manier bepaald kan worden, maar objectieve informatie beschikbaar is van de reële waarde van alle nog niet geleverde goederen en/of diensten, dan wordt het gedeelte van de verkoopprijs toegewezen aan de nog niet geleverde goederen en/of diensten uitgesteld en zal het residueel gedeelte van de verkoopprijs toegewezen aan de geleverde goederen en/of diensten opgenomen worden in de winsten verliesrekening op voorwaarde dat aan alle opnamecriteria werd voldaan.

Het merendeel van de overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden ('multiple element arrangements') binnen het segment Agfa HealthCare, vereist geen significante aanpassingen van het software-gedeelte en geen programmatie op maat van de koper. De opnamecriteria worden toegepast op de afzonderlijke identificeerbare componenten van de transactie. Het deel van de verkoopprijs toegewezen aan de hardware-component wordt opgenomen in de winsten verliesrekening op het moment dat deze geleverd is aan de koper en toegevoegde waarde creëert. Het deel van de verkoopprijs toegewezen aan de software-component wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening na succesvolle installatie bij de koper. De hieraan verbonden diensten worden opgenomen in de winst- en verliesrekening naar rato van de verrichte prestaties.

Bij de verkoop van uitrusting die een aanzienlijke installatie vereist binnen het segment Agfa Graphics, worden de opbrengsten in de winst- en verliesrekening opgenomen nadat de installatie in overeenstemming met alle contractuele bepalingen is voltooid en het systeem aldus gebruiksklaar is voor de koper.

Opbrengsten uit overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden ('multiple element arrangements'), waarbij significante aanpassingen van het softwareonderdeel noodzakelijk zijn of die programmatie vereisen op maat van de koper, worden in de winst- en verliesrekening opgenomen volgens het stadium van voltooiing van activiteiten op rapporteringsdatum. Binnen het segment Agfa HealthCare wordt deze werkwijze toegepast op projecten die de drie basiscriteria zoals beschreven in het 'Solution Launch Process' nog niet behaalden, de zogenaamde pilootprojecten. De mate waarin de prestaties zijn verricht, wordt bepaald naar rato van de projectkosten die tot op dat moment zijn gemaakt in verhouding tot de totale geschatte projectkosten. Indien de mate waarin prestaties zijn verricht niet met voldoende zekerheid kan bepaald worden, worden de opbrengsten in de winst- en verliesrekening opgenomen bij finale oplevering aan de koper.

3.12 INKOMSTEN UIT LEASE-OVEREENKOMSTEN

3.12.1 Financiële lease-overeenkomsten

Invorderbare minimale leasebetalingen waarbij de Groep als leasinggever alle aan het eigendom verbonden risico's en voordelen overdraagt naar de klant worden opgenomen als vordering voor een bedrag gelijk aan de contante waarde van de toekomstige minimale leasebetalingen. Baten uit financiële lease-overeenkomsten – gerapporteerd onder 'Overige bedrijfsopbrengsten' – worden vervolgens zodanig aan iedere periode van de totale leasetermijn toegerekend dat dit resulteert in een constante periodieke rentevoet. Op lease-overeenkomsten aangegaan uit hoofde van de producent wordt op basis van de grondslagen voor de erkenning van opbrengsten uit de verkoop van goederen een verkoopswinst erkend. Dit betekent dat de Onderneming opbrengsten en daaraan gerelateerde winstmarge erkent op het ogenblik dat de fabriekseenheid of een verbonden onderneming Agfa Finance factureert bij het begin van de lease-overeenkomst met de eindklant. Het overgrote deel van de lease-overeenkomsten waarbij de klant als economische eigenaar van het actief wordt beschouwd, wordt afgesloten met Agfa Finance (zijnde Agfa Finance NV, haar filialen en Agfa Finance Corp.). Overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aan de koper worden aangeboden en die tevens deel uitmaken van een lease-overeenkomst volgen dezelfde principes voor de erkenning van opbrengsten alsof er geen financieringsovereenkomst zou afgesloten zijn.

3.12.2 'Bundle deal'

Een 'bundle deal' is een commerciële overeenkomst waarbij een bepaald toestel wordt gefinancierd middels een halflange- of langetermijnovereenkomst waarbij de klant zich verbindt tot het kopen van een bepaalde hoeveelheid verbruiksgoederen aan een hogere waarde dan hun marktwaarde. Betalingen voor financiële lease-overeenkomsten afgesloten in de vorm van 'bundle deals' worden verdeeld tussen de vermindering van de openstaande invorderbare minimale leasebetalingen en de vergoeding voor de verkochte verbruiksgoederen op basis van hun relatieve reële waarden.

3.12.3 Operationele lease-overeenkomsten

Opbrengsten uit operationele lease-overeenkomsten voor de verhuur van bedrijfsruimte en uitrusting – welke erkend worden onder 'Overige bedrijfsopbrengsten' – worden lineair over de looptijd van de lease erkend. Een overeenkomst die niet de juridische vorm van een lease-overeenkomst heeft, wordt toch boekhoudkundig als leaseovereenkomst verwerkt als de overeenkomst afhangt van het gebruik van een bepaald actief of activa en de overeenkomst de overdracht van het gebruiksrecht omvat.

3.12.4 'Sale and leaseback'-verrichtingen

Winst uit 'Sale and leaseback'-verrichtingen wordt onmiddellijk erkend als de belangrijkste aan het eigendom verbonden risico's en voordelen overdragen worden naar de koper, het terug huren het voorwerp uitmaakt van een operationele leaseovereenkomst en de verrichting aan reële waarde wordt afgesloten.

3.13 OVERHEIDSSUBSIDIES

Overheidssubsidies worden als bedrijfsopbrengst in de winst- en verliesrekening opgenomen zodra er redelijke zekerheid bestaat dat zij zullen worden ontvangen en dat de Groep zal voldoen of reeds voldoet aan de daaraan verbonden voorwaarden. Subsidies ter compensatie van door de Groep gemaakte kosten worden in de winst- en verliesrekening opgenomen in dezelfde functionele rapporteringslijn waar tevens de kosten worden gepresenteerd.

Zij worden systematisch aan de kosten toegewezen waarop ze betrekking hebben. Subsidies toegekend voor de aankoop of productie van activa (immateriële activa of materiële vaste activa) worden bij eerste opname in de balans opgenomen als vooruitontvangen baten en vervolgens systematisch in de winst- en verliesrekening verantwoord als overige bedrijfsopbrengsten gedurende de gebruiksduur van het actief. Overheidssubsidies toegekend voor toekomstige kosten worden verwerkt als vooruitontvangen baten.

3.14 NETTOFINANCIERINGSLASTEN

Financieringsbaten (-kosten) – netto omvatten rente verschuldigd op leningen en ontvangen rente op beleggingen. Zij bevatten ontvangen en betaalde interesten met betrekking tot elementen opgenomen in de netto financiële schuldpositie. De netto financiële schuldpositie wordt gedefinieerd als de som van langlopende en kortlopende rentedragende verplichtingen verminderd met geldmiddelen en kasequivalenten.

Overige financieringsbaten (-kosten) – netto omvatten:

  • ontvangen en betaalde interesten met betrekking tot overige activa en verplichtingen die geen deel uitmaken van de netto financiële schuldpositie zoals de interest op de nettoverplichting wegens vergoedingen na uitdiensttreding en de interestcomponent van ontslagvergoedingen geheel of gedeeltelijk betaalbaar na twaalf maanden;
  • valutakoersverschillen uit niet-operationele activiteiten;
  • winsten en verliezen uit derivaten ter indekking van niet-operationele activiteiten;
  • Bijzondere waardeverminderingsverliezen geboekt op financiële activa beschikbaar voor verkoop;
  • resultaten op de verkoop van effecten beschikbaar voor verkoop; en
  • andere niet-operationele kosten en opbrengsten.

Inkomsten uit rente worden pro rata temporis in de winst- en verliesrekening opgenomen rekening houdend met het effectieve rendement van het actief. Inkomsten uit dividenden worden in de winst- en verliesrekening opgenomen op de dag dat het dividend wordt toegekend.

Alle rentelasten en andere financieringskosten in verband met leningen worden in de winst- en verliesrekening opgenomen naarmate ze ontstaan op basis van de effectieve rentemethode. De rentelastcomponent van de betalingen voor financiële lease-overeenkomsten wordt in de winst- en verliesrekening opgenomen op basis van de effectieve rentemethode.

De interest op de nettoverplichting wegens vergoedingen na uitdiensttreding wordt berekend door de disconteringsvoet die gebruikt wordt voor de berekening van de contante waarde van de brutoverplichting toe te passen op de nettoverplichting. Zowel de bruto- als nettoverplichting bij aanvang van de rapporteringsperiode wordt als basis genomen waarbij rekening wordt gehouden met wijzigingen in de nettoverplichting tijdens de rapporteringsperiode als gevolg van bijdragen en uitkeringen.

De interestcomponent van langetermijnontslagvergoedingen omvat de impact van de afwikkeling van de verplichting evenals de impact van de gewijzigde disconteringsvoet.

3.15 WINSTBELASTINGEN

De winstbelastingen omvatten de over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare belastingen en de uitgestelde belastingen. Beide belastingen worden in de winst- en verliesrekening geboekt behalve in die gevallen waar het bestanddelen betreft die deel uitmaken van de niet-gerealiseerde resultaten.

In dit laatste geval verloopt de opname via de niet-gerealiseerde resultaten.

Bij de bepaling van de over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare winstbelastingen en uitgestelde winstbelastingen houdt de Groep rekening met het effect van onzekere belastingposities en de vraag of er nog verdere belastingen en rente verschuldigd zijn.

3.15.1 Verschuldigde winstbelastingen

Onder de over de verslagperiode verschuldigde en verrekenbare belastingen verstaat men deze die drukken op de fiscale winst van het boekjaar, berekend tegen de belastingtarieven die van kracht zijn op de balansdatum, evenals de aanpassingen aan de belastingen die verschuldigd zijn over de vorige boekjaren. Bijkomende winstbelastingen die ontstaan uit de uitkering van dividenden worden geboekt op hetzelfde moment als de verplichting voor uitbetaling van het desbetreffende dividend.

3.15.2 Uitgestelde winstbelastingen

De uitgestelde belastingen worden berekend volgens de 'balance sheet'-methode en komen hoofdzakelijk voort uit de verschillen tussen de boekwaarde van activa en verplichtingen in de balans en de fiscale boekwaarde ervan (tijdelijke verschillen). Er wordt echter geen rekening gehouden met de volgende verschillen:

  • de eerste opname van goodwill;
  • de eerste opname van een actief of verplichting in een transactie die geen bedrijfscombinatie is en op het moment van de transactie geen invloed heeft op de winst vóór belasting of op de fiscale winst (het fiscale verlies); en
  • tijdelijke verschillen met betrekking tot investeringen in dochterondernemingen in de mate dat zij waarschijnlijk niet zullen afgewikkeld worden in de nabije toekomst.

Het bedrag van de uitgestelde belastingen is gebaseerd op de verwachtingen met betrekking tot de realisatie van de boekwaarde van de activa en verplichtingen, waarbij gebruik wordt gemaakt van de belastingtarieven (en de belastingwetgeving) waarvan het wetgevingsproces (materieel) is afgesloten op de balansdatum. Een uitgestelde belastingvordering wordt enkel opgenomen in de balans indien het voldoende zeker is dat de verrekenbare tijdelijke verschillen, de ongebruikte belastingfaciliteiten en de ongebruikte voorwaartse verliescompensatie in de toekomst met fiscale winsten kunnen worden verrekend. Uitgestelde belastingvorderingen worden verminderd naarmate het niet langer waarschijnlijk is dat de belastingbesparing zal kunnen worden gerealiseerd.

3.15.2.1 Uitgestelde winstbelastingen op toegezegdpensioenregelingen

Toegezegdpensioenregelingen kunnen aanleiding geven tot zowel belastbare als verrekenbare tijdelijke verschillen afhankelijk van de situatie: wanneer de fiscale waarde de boekwaarde van de verplichtingen in de balans overtreft spreken we over belastbare verschillen terwijl in de omgekeerde situatie sprake is van verrekenbare verschillen. Voor toegezegdpensioenregelingen die resulteren in verrekenbare verschillen wordt een uitgestelde belastingvordering enkel opgenomen in de balans indien het voldoende zeker is dat zij in de toekomst met fiscale winsten kunnen worden verrekend.

Wanneer de geaccumuleerde herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen, zijnde de impact van de eerste toepassing van de aanpassingen in 2011 aan IAS 19 en alle volgende herwaarderingen, een debitsaldo vertegenwoordigen in de niet-gerealiseerde resultaten en indien ten gevolge van deze herwaarderingen de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen heeft geleid tot een verrekenbaar tijdelijk verschil met als gevolg de erkenning van een uitgestelde belastingvordering, wordt de impact opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten in de mate dat deze betrekking heeft op de geaccumuleerde herwaarderingen. Indien in een daaropvolgend jaar een uitgestelde belastingvordering, voorheen opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten, afneemt, wordt de impact hiervan eveneens verwerkt via niet-gerealiseerde resultaten.

Wanneer de geaccumuleerde herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen een creditsaldo vertegenwoordigen in de niet-gerealiseerde resultaten en indien ten gevolge van deze herwaarderingen de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen heeft geleid tot een belastbaar tijdelijk verschil met als gevolg de erkenning van een uitgestelde belastingverplichting, wordt de impact opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten in de mate dat deze betrekking heeft op de geaccumuleerde herwaarderingen. Indien in een daaropvolgend jaar een uitgestelde belastingverplichting, voorheen opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten, afneemt, wordt de impact hiervan eveneens verwerkt via niet-gerealiseerde resultaten.

De totale balanswaarde van de gecumuleerde herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen wordt weergegeven in niet-gerealiseerde resultaten, na winstbelasting.

3.16 BEËINDIGDE BEDRIJFSACTIVITEITEN

Classificatie als beëindigde bedrijfsactiviteit geschiedt bij afstoting of, indien dit eerder is, wanneer de bedrijfsactiviteit voldoet aan de criteria voor classificatie als aangehouden voor verkoop (zie toelichting 3.8). Wanneer een activiteit wordt aangemerkt als een beëindigde bedrijfsactiviteit, worden de vergelijkende cijfers in het overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten herzien alsof de activiteit vanaf het begin van de vergelijkende periode zou zijn beëindigd.

3.17 GESEGMENTEERDE INFORMATIE

Het management van de Groep heeft drie operationele segmenten bepaald: Agfa Graphics, Agfa HealthCare en Agfa Specialty Products.

De beslissende factor in de identificatie van de operationele segmenten van de Groep is het detailniveau van informatie die het management – CEO van de Groep en Executive Committee Management – gebruikt in het nemen van operationele beslissingen. De te rapporteren segmenten van de Groep zijn dezelfde als haar operationele segmenten.

Het resultaat van een te rapporteren segment omvat de opbrengsten en kosten die rechtstreeks door een segment worden gegenereerd, inclusief het relevante deel van de opbrengsten en kosten dat redelijkerwijs aan het segment kan worden toegewezen.

De activa en verplichtingen van een segment omvatten de activa en verplichtingen die direct zijn toe te wijzen aan een segment, inclusief de activa en verplichtingen die redelijkerwijs aan het segment kunnen worden toegewezen.

De activa en verplichtingen van een segment worden weergegeven exclusief winstbelastingen.

De toewijzing van activa en verplichtingen die door meer dan één te rapporteren segment worden aangewend, kan als volgt worden samengevat:

De algemene regel is dat elk bestanddeel van een operationeel segment in zijn geheel wordt toegewezen aan één van de te rapporteren segmenten, met andere woorden een actiefbestanddeel zoals een kantoorgebouw wordt toegewezen aan één enkel segment. Als het desbetreffende actiefbestanddeel door meer dan één te rapporteren segment wordt gebruikt, heeft één segment het activum in eigendom terwijl de andere segmenten het huren (middels doorbelasting door middel van dienstenovereenkomsten). Hetzelfde geldt voor bedrijfsverplichtingen zoals verplichtingen ten opzichte van het personeel. Aangezien al de personeelsleden, met uitzondering van de werknemers die tot het Corporate Center of de Global Shared Services (ICS, HR en Aankoop) behoren en de inactieve werknemers (zie verder), toegewezen zijn aan een specifiek te rapporteren segment, worden alle daaraan verbonden verplichtingen en voorzieningen toegewezen aan het segment waartoe de betrokken werknemer behoort.

De voornaamste uitzondering op bovenstaand principe heeft betrekking op het deel van de productie-eenheid Materials welke film en chemicaliën produceert voor al de te rapporteren segmenten. De productie-eenheid Materials is de combinatie van het specifieke deel van het te rapporteren segment Agfa Specialty Products en de productie van filmverbruiksgoederen wereldwijd.

Bedrijfsopbrengsten en -kosten en bedrijfsactiva en -verplichtingen die betrekking hebben op het Corporate Center en de Global Shared Services, alsook op de productie van filmverbruiksgoederen, worden verdeeld over de verschillende te rapporteren segmenten met behulp van verdeelsleutels.

De resultaten, activa en verplichtingen die betrekking hebben op inactieve werknemers kunnen niet toegewezen worden aan de bedrijfssegmenten. Deze gegevens zijn begrepen in de reconciliatie tussen het totaal van de te rapporteren segmenten en het totaal van de geconsolideerde balans en de winst- en verliesrekening. Inactieve werknemers worden gedefinieerd als gepensioneerden, vroegere werknemers die rechten hebben opgebouwd en andere inactieve werknemers zoals bruggepensioneerden waarvan redelijkerwijs kan worden aangenomen dat zij niet zullen terugkeren tot een actieve status. Werknemers die in principe slechts tijdelijk inactief zijn zoals ten gevolge van langdurige invaliditeit of ziekte, zwangerschapsverlof, legerdienst en dergelijke worden als actieve werknemers behandeld en bijgevolg toegewezen aan één van de te rapporteren segmenten. Het verschil tussen het totaal van de segmentactiva en -verplichtingen en het balanstotaal omvat saldi voortkomend uit de verkoop in 2004 tussen de Groep en de AgfaPhoto Groep van het vroegere segment Consumer Imaging.

4. NIEUWE STANDAARDEN EN INTERPRETATIES VAN STANDAARDEN GEPUBLICEERD, NOG NIET VAN KRACHT PER EINDE BOEKJAAR

Een aantal reeds gepubliceerde IFRS-standaarden, herzieningen aan IFRS-standaarden en nieuwe interpretaties van IFRS-standaarden waren nog niet van kracht per 31 december 2014 en werden aldusdanig niet toegepast in de opstelling van de geconsolideerde jaarrekening. De Groep zal deze standaarden niet vervroegd toepassen. Het betreft:

• IFRS 9 Financiële instrumenten

In november 2009 publiceerde de IASB, IFRS 9 Financiële instrumenten, die de classificatie en waarderingsgrondslagen van financiële activa aanpast, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2018.

In overeenstemming met IFRS 9 dient de entiteit na eerste opname alle financiële activa te waarderen ofwel tegen geamortiseerde kostprijs ofwel tegen reële waarde in overeenstemming met het business model dat de entiteit gebruikt voor het beheer van de financiële activa en in overeenstemming met de kenmerken van de contractuele kasstromen verbonden aan het financieel actief.

Winsten of verliezen op financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde worden geboekt in de winst- en verliesrekening met uitzondering van investeringen in aandelen. Winsten en verliezen op financiële activa gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs worden in de winst- en verliesrekening geboekt op het moment dat het financieel actief wordt uitgeboekt, er een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt wordt op het financieel actief, of het financieel actief geherklassificeerd wordt.

In oktober 2010 publiceerde de IASB een aanpassing aan IFRS 9 die de standaard uitbreidt met de principes voor de boekhoudkundige verwerking van financiële verplichtingen en de vervreemding van actief- en passiefbestanddelen.

In november 2013 publiceerde de IASB een aanpassing aan IFRS 9 waarbij een nieuw model voor 'hedge accounting' werd ingevoerd, alsook nieuwe verplichtingen voor de boekhoudkundige verwerking en voorstelling van door de onderneming uitgegeven schuldbewijzen gewaardeerd aan reële waarde. Met de invoering van het nieuwe model voor hedge accounting, werd tevens een aanpassing gepubliceerd aan IFRS 7 Financiële Instrumenten: Toelichtingen, die bijkomende toelichtingen vereist voor hedge accounting.

In juli 2014 publiceerde de IASB een aanpassing waarbij nieuwe vereisten werden opgenomen betreffende het boeken van bijzondere waardeverminderingsverliezen, de boekhoudkundige verwerking van afdekkingstransacties en uitboeking van activa. Het model voor het boeken van bijzondere waardeverminderingsverliezen is gebaseerd op de verwachte verliezen.

De toepassing van IFRS 9 wordt niet verwacht een materieel effect te hebben op de geconsolideerde jaarrekening, maar zal de presentatie van de geconsolideerde jaarrekening aanpassen.

• IFRIC 21 Heffingen

In mei 2013 publiceerde de IASB IFRIC 21 Heffingen van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 januari 2014, na aanname door de Europese Unie. IFRIC 21 geeft aan in welke omstandigheden een heffing, opgelegd door een overheid, moet worden geboekt, zowel voor heffingen die geboekt worden in overeenstemming met IAS 37 Voorzieningen als voor heffingen waarvoor het tijdstip en bedrag onzeker is. De IFRIC is niet van toepassing op inkomstenbelastingen. De toepassing van deze IFRIC zal geen impact hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

Verbeteringen aan IFRSs 2010-2012 cyclus en 2011-2013 cyclus In december 2013, publiceerde de IASB een volgende deel van jaarlijkse verbeteringen aan bestaande standaarden, van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 juli 2014. Het betreft een geheel van aanpassingen aan de verwoordingen van bestaande standaarden en verduidelijkingen. De wijzigingsvoorstellen verduidelijken de definitie van onvoorwaardelijk worden van eigenvermogensinstrumenten en andere definities (IFRS 2); verduidelijken de boekhoudkundige verwerking van voorwaardelijke vergoedingen bij bedrijfscombinaties (IFRS 3) en definiëren de uitzonderingen voor entiteiten waarover gemeenschappelijk de zeggenschap wordt uitgeoefend; verduidelijken de vereisten om toelichtingen te verschaffen over de door het management gebruikte oordelen in de toepassing van de aggregatiecriteria van operationele segmenten en verduidelijken wanneer reconciliaties van activa en verplichtingen van het segment vereist zijn (IFRS 8); verduidelijken de reële waardebepalingen van kortetermijnvorderingen en -verplichtingen (IFRS 13); verduidelijken de herwaarderingsmethode voor materiële vaste activa en immateriële activa; verduidelijken dat een onderneming die dienstverlening verschaft van managers op sleutelposities, aanzien wordt als een verbonden partij aan de onderneming die deze dienstverlening verkrijgt (IAS 24); en verduidelijken de interactie tussen de standaarden Bedrijfscombinaties en Vastgoedbeleggingen. Deze aanpassingen zullen geen impact hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• Aanpassingen IAS 19 Personeelsbeloningen – Toegezegdpensioenregelingen: werknemersbijdragen

In november 2013 publiceerde de IASB een beperkte aanpassing aan IAS 19 Toegezegdpensioenregelingen: werknemersbijdragen, van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 juli 2014. De aanpassingen behandelen de boekhoudkundige verwerking van door werknemers of door derden gestorte bijdragen aan toegezegdpensioenregelingen, die onafhankelijk zijn van het aantal jaren geleverde dienstprestaties door de werknemer, bijvoorbeeld in het geval de bijdragen een vast percentage zijn van het salaris gedurende de periode van tewerkstelling. Deze bijdragen mogen verwerkt worden als een vermindering van aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten in de periode waarin de prestatie geleverd werd en dienen niet gespreid te worden over de periodes van dienstprestaties. De toepassing van deze aanpassingen wordt niet verwacht een materieel effect te hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• IFRS 14 Uitgestelde rekeningen in verband met prijsreguleringen

In januari 2014 publiceerde de IASB een standaard IFRS 14, van toepassing voor entiteiten die hun eerste jaarrekening volgens IFRS opstellen voor jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2016. Omdat deze standaard enkel van toepassing is voor entiteiten die IFRS voor de eerste maal toepassen, zal deze standaard geen impact hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• Aanpassingen aan IAS 16 Materiële Vaste Activa en aan IAS 38 Immateriële Activa: Verduidelijking van aanvaardbare methoden voor afschrijvingen

In mei 2014 publiceerde de IASB aanpassingen aan bestaande standaarden IAS 16 en IAS 38 van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na januari 2016. Deze aanpassingen verduidelijken dat het niet toegelaten is om een afschrijvingsmethode te gebruiken die gebaseerd is op de opbrengsten die het actief genereert. Deze aanpassingen zullen geen materieel effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• Aanpassingen aan IFRS 11 Gezamenlijke Overeenkomsten: Verwerking van de verwerving van een belang in een gezamenlijke bedrijfsactiviteit

In mei 2014 publiceerde de IASB een aanpassing aan IFRS 11 van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 januari 2016. Deze aanpassing verduidelijkt of dat de verwerving van een belang in een gezamenlijke bedrijfsactiviteit dient verwerkt te worden in overeenstemming met IFRS 3 Bedrijfscombinaties of dat de verwerving

dient geboekt te worden als een verwerving van een groep van activa. Deze aanpassing zal geen materieel effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• IFRS 15 Opbrengsten uit contracten met klanten

In mei 2014 publiceerde de IASB een nieuwe standaard over opbrengsten – IFRS 15 – van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 januari 2017. Deze standaard introduceert een vijfstappen aanpak in de bepaling van de methode voor het boeken van opbrengsten: als eerste stap dient het contract met de klant geïdentificeerd te worden, nadien dienen de prestatieverplichtingen in het contract bepaald te worden, in een derde stap dient de transactieprijs bepaald te worden, nadien wordt de transactieprijs toegewezen aan de prestatieverplichtingen in het contract en als laatste stap worden de opbrengsten geboekt wanneer de entiteit een prestatieverplichting vervult. De standaard bepaalt tevens of dat de opbrengsten dienen geboekt te worden op een bepaald moment of gespreid over een bepaalde periode. De standaard introduceert nieuwe uitgebreide toelichtingen betreffende opbrengsten. De Groep onderzoekt momenteel of dat deze nieuwe standaard een materieel effect zal hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

• Aanpassingen aan IAS 16 Materiële Vaste Activa en IAS 41 Landbouw: Landbouw – Dragende Planten, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2016 Deze aanpassingen zijn niet van toepassing op de Groep.

Gebruik van de 'equity'-methode in enkelvoudige jaarrekeningen (aanpassing aan IAS 27) In augustus 2014 publiceerde de IASB een beperkte aanpassing aan IAS 27, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2016. Deze aanpassing laat entiteiten toe om de vermogensmutatiemethode te gebruiken in de enkelvoudige jaarrekening voor de boekhoudkundige verwerking van belangen in dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde deelnemingen. Deze aanpassing is niet van toepassing op de geconsolideerde jaarrekening.

Jaarlijkse Verbeteringen aan IFRSs 2012-2014 cyclus

In september 2014 publiceerde de IASB een volgende set van jaarlijkse verbeteringen aan IFRS standaarden van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2016. Deze set van verbeteringen geven bijkomende richtlijnen bij de standaard IFRS 5 voor gevallen waar een entiteit een actief aangehouden voor verkoop herklasseert als actief aangehouden voor uitkering aan houders van eigen-vermogensinstrumenten, geven bijkomende richtlijnen betreffende de toelichtingen vereist voor contracten voor dienstverlening, geven richtlijnen bij IAS 19 door te verduidelijken dat de hoogwaardige ondernemingsobligaties die worden gebruikt voor het schatten van de disconteringsvoet dient te worden uitgedrukt in dezelfde valuta als de vergoedingen die zullen uitbetaald worden en verduidelijkt bepaalde terminologie van IAS 24. Deze aanpassingen zullen geen materiële impact hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

Verkoop of inbreng van activa tussen een investeerder en zijn joint venture of geassocieerde deelneming (Aanpassing aan IFRS 10 Geconsolideerde Jaarrekening en

aan IAS 28 Investeringen in geassocieerde deelnemingen en samenwerkingsverbanden) In september 2014 publiceerde de IASB een beperkte aanpassing teneinde een inconsistentie tussen de standaarden IFRS 10 en IAS 28 te verduidelijken met betrekking tot de verkoop of inbreng van activa tussen een investeerder en zijn joint venture of geassocieerde deelneming. De aanpassing verduidelijkt wanneer de winst of het verlies volledig wordt opgenomen. Deze aanpassingen zijn van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2016. De aanpassingen zullen geen materieel effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

Beleggingsentiteiten: toepassing van de uitzondering op de consolidatieverplichting (Aanpassingen aan IFRS 10, IFRS 12, IAS 28)

In december 2014 publiceerde de IASB aanpassingen die verduidelijken welke dochter-

ondernemingen dienen geconsolideerd te worden door een beleggingsentiteit en welke dochterondernemingen dienen aangehouden te worden aan reële waarde met waardeveranderingen in winst- en verliesrekening. Deze aanpassingen zijn van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2016. Deze veranderingen zullen geen effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.

Informatieverschaffing (aanpassingen aan IAS 1)

In december 2014 publiceerde de IASB aanpassingen aan IAS 1 Presentatie van de Jaarrekening, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2016. De aanpassingen verduidelijken dat het materialiteitsprincipe van toepassing is op alle delen van de jaarrekening, zelfs indien een standaard afzonderlijke informatieverschaffing vereist. Deze aanpassingen aan posten van de balans, de winst- en verliesrekening en overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten kunnen samengevoegd of gesplitst worden indien dit relevant is. De aanpassingen geven bijkomende voorbeelden voor het ordenen van de toelichting om te verduidelijken dat begrijpbaarheid en vergelijkbaarheid in beschouwing moeten worden genomen bij de bepaling van de volgorde van de toelichting. De Groep zal de toelichting presenteren volgens deze aanpassingen.

5. TE RAPPORTEREN SEGMENTEN

De Groep onderscheidt drie te rapporteren segmenten: Agfa Graphics, Agfa HealthCare en Agfa Specialty Products. De te rapporteren segmenten reflecteren het niveau waarop de CEO van de Groep en het Executive Committee de activiteiten beoordelen en beslissingen nemen over de toewijzing van middelen en andere operationele zaken. De te rapporteren segmenten van de Groep zijn dezelfde als zijn operationele segmenten.

De te rapporteren segmenten Agfa Graphics, Agfa HealthCare en Agfa Specialty Products omvatten de volgende activiteiten:

Agfa Graphics

Agfa Graphics biedt de grafische industrie geïntegreerde oplossingen voor drukvoorbereiding en voor digitale inkjet. De drukvoorbereidingsoplossingen omvatten verbruiksgoederen, hardware, diensten en software voor productieworkflow-, projecten kleurenbeheer. Met zijn computer-to-film- en computer-to-plate-technologie en zijn systemen voor het maken van digitale drukproeven heeft Agfa Graphics een wereldwijde leiderspositie veroverd voor commercieel en verpakkingsdrukwerk en op de krantenmarkt.

Verder bouwt Agfa Graphics zijn positie uit in de digitale drukmarkten. Enerzijds is de businessgroep actief in het sign & display-marktsegment met zijn grootformaat inkjetapparatuur en de aanverwante software, verbruiksgoederen en hoogwaardige inkten. Anderzijds ontwikkelt Agfa Graphics nieuwe digitale drukinktsoorten voor industriële toepassingen zoals labels en verpakkingsmaterialen.

Agfa HealthCare

Agfa HealthCare is een toonaangevende leverancier van systemen voor medische beeldvorming en IT-systemen voor ziekenhuizen en zorgcentra over de hele wereld. De businessgroep is een belangrijke speler op de markt van de medische beeldvorming. Met analoge, digitale en IT-systemen voldoet Agfa HealthCare wereldwijd aan de eisen van gespecialiseerde clinici. Voorts heeft de businessgroep een sleutelrol op de markt van de ziekenhuisbrede IT-systemen. Deze systemen integreren de administratieve, financiële en klinische workflow voor individuele ziekenhuizen en ziekenhuisgroepen. Vandaag biedt Agfa HealthCare aan zorgcentra in meer dan 100 landen toegang tot zijn toonaangevende technologieën en oplossingen, waaronder Clinical Information Systems (CIS) en Hospital Information Systems (HIS), Radiology Information Systems (RIS), Picture Archiving and Communication Systems (PACS), Imaging Data Centers, geavanceerde systemen voor het rapporteren van onderzoeksresultaten, cardiologiesystemen, systemen die het medische beslissingsproces ondersteunen, systemen voor geavanceerde klinische applicaties en gegevensopslag, systemen voor direct radiography (DR) en computed radiography (CR), klassieke röntgenfilmsystemen en contrastmedia.

Agfa Specialty Products

Agfa Specialty Products biedt een brede waaier producten voor grote industriële klanten die niet tot de grafische en gezondheidszorgmarkten behoren. Enerzijds biedt de businessgroep klassieke filmgebaseerde producten aan zoals film voor nietdestructief materiaalonderzoek, cinefilm, film voor luchtfotografie, microfilm en film voor de productie van gedrukte schakelingen (PCB's). Anderzijds richt de businessgroep zich op veelbelovende groeimarkten met innovatieve oplossingen. Voorbeelden hiervan zijn synthetisch papier, geleidende polymeren, materialen voor de productie van beveiligde identiteitsdocumenten en membranen voor de productie van waterstof.

De waarderingsregels van de te rapporteren segmenten zijn dezelfde als deze die beschreven staan in toelichting 3.

Bedrijfsresultaten, activa en verplichtingen en kasstromen niet toegewezen aan de te rapporteren segmenten hebben voornamelijk betrekking op inactieve werknemers.

De kerngegevens van de te rapporteren segmenten zijn gebaseerd op interne managementrapporten en werden als volgt berekend:

  • recurrente EBIT is het resultaat uit bedrijfsactiviteiten voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten;
  • % van de opbrengsten is recurrente EBIT gedeeld door de opbrengsten;
  • segmentresultaat is de winst uit bedrijfsactiviteiten;
  • de activa van een segment zijn de bedrijfsactiva die door een te rapporteren segment aangewend worden bij zijn bedrijfsactiviteiten;
  • de verplichtingen van een segment zijn de verplichtingen die voortvloeien uit de bedrijfsactiviteiten van een te rapporteren segment;
  • de nettokasstromen uit de te rapporteren segmenten vertegenwoordigen het verschil tussen de kasontvangsten en de kasuitgaven die voortvloeien uit een te rapporteren segment. De financieringskasstromen, de ontvangen rente en kasstromen uit overige investeringsactiviteiten zijn niet toegewezen aan een te rapporteren segment;
  • de investeringsuitgaven van het te rapporteren segment omvatten de kostprijs van de verworven activa met een verwachte gebruiksduur van meer dan één jaar;
  • andere niet-kaskosten (-opbrengsten) omvatten bijzondere waardeverminderingsverliezen en terugname van bijzondere waardeverminderingsverliezen op vorderingen en voorraden, kosten en opbrengsten uit verstreken diensttijd en winsten en verliezen uit beëindiging van verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding, toegekende subsidies en toevoegingen aan en terugname van voorzieningen, met uitzondering van deze met betrekking tot winstbelasting, in de mate dat deze betrekking hebben op het resultaat uit bedrijfsactiviteiten.

De interne managementrapporten bevatten geografische informatie per markt. De Groep maakt een onderscheid tussen vier geografische markten: Europa, NAFTA, Latijns-Amerika en Azië/Oceanië/Afrika. De Groep is gevestigd in België. Er zijn geen individuele externe klanten die minstens 10% van de opbrengsten van de Groep vertegenwoordigen.

Te rapporteren segment Agfa Graphics Agfa HealthCare Agfa Specialty
Products
TOTAAL
MILJOEN EURO 2014 2013 2014 2013 2014 2013 2014 2013
Opbrengsten 1.355 1.491 1.069 1.160 196 214 2.620 2.865
Evolutie (9,1)% (9,7)% (7,8)% (4,3)% (8,4)% (5,7)% (8,6)% (7,3)%
Recurrente EBIT 70 61 79 77 7 10 156 148
% van de opbrengsten 5,2% 4,1% 7,4% 6,6% 3,6% 4,7% 6,0% 5,2%
Resultaat van het segment 55 39 72 72 6 8 133 119
Activa van het segment 741 750 1.164 1.221 112 123 2.017 2.094
Verplichtingen van het segment 394 373 483 447 57 47 934 867
Nettokasstromen uit de te rapporteren segmenten 62 74 125 75 22 21 209 170
Investeringsuitgaven 20 20 15 18 2 2 37 40
Afschrijvingen 31 37 35 39 4 4 70 80
Bijzondere waardeverminderingsverliezen - 6 - - - - - 6
Teruggenomen bijzondere
waardeverminderingsverliezen
(1) - - - - - (1) -
Andere niet-kaskosten (opbrengsten) 87 89 104 92 12 14 203 195
Kosten van onderzoek en ontwikkeling 42 40 97 97 7 9 146 146
Gemiddeld aantal personeelsleden
(in voltijdse equivalenten) (1)
4.350 4.886 5.761 5.963 615 626 10.726 11.475

KERNGEGEVENS PER BEDRIJFSSEGMENT

(1) CIJFERS OMVATTEN PERMANENTE EN TIJDELIJKE CONTRACTEN.

RECONCILIATIE VAN OPBRENGSTEN, RECURRENTE EBIT, WINST- EN VERLIESREKENING, ACTIVA EN VERPLICHTINGEN, KASSTROMEN EN ANDERE MATERIËLE POSTEN

MILJOEN EURO 2014 2013
Opbrengsten
Opbrengsten van de te rapporteren segmenten 2.620 2.865
Geconsolideerde opbrengsten 2.620 2.865
Recurrente EBIT
Recurrente EBIT van de te rapporteren segmenten 156 148
Recurrente EBIT niet toegewezen aan de te rapporteren segmenten (4) (4)
Geconsolideerde recurrente EBIT 152 144
Winst- en verliesrekening
Resultaat van het segment 133 119
Winst (verlies) uit bedrijfsactiviteiten niet toegewezen aan de te
rapporteren segmenten
3 44
Winst uit bedrijfsactiviteiten 136 163
Overige niet-toewijsbare bedragen:
Financieringsbaten (-kosten) - netto (15) (17)
Overige financiële opbrengsten (kosten) - netto (44) (54)
Geconsolideerde winst (verlies) voor belastingen 77 92
Activa
Activa van de te rapporteren segmenten 2.017 2.094
Bedrijfsactiva niet toegewezen aan de te rapporteren segmenten 2 2
Investeringen 17 11
Uitgestelde belastingvorderingen 173 195
Invorderbare minimale leasebetalingen 79 84
Derivaten 2 3
Geldmiddelen en kasequivalenten 196 126
Overige niet-toewijsbare activa 62 53
Geconsolideerde totale activa 2.548 2.568
Verplichtingen
Verplichtingen van de te rapporteren segmenten 934 867
Bedrijfsverplichtingen niet toegewezen aan de te rapporteren segmenten 1.053 856
Rentedragende verplichtingen 322 343
Uitgestelde belastingverplichtingen 23 53
Derivaten - 1
Overige niet-toewijsbare verplichtingen 70 80
Geconsolideerde totale verplichtingen 2.402 2.200
Kasstromen
Nettokasstromen uit de te rapporteren segmenten 209 170
Bedrijfskasstromen niet toegewezen aan de te rapporteren segmenten (81) (86)
Netto betaalde rente en dividend betaald aan minderheidsbelangen (20) (17)
Netto-ontvangsten/terugbetalingen van leningen (22) (70)
Overige financieringskasstromen (11) 11
Wijzigingen in overige investeringsactiviteiten (6) -
Geconsolideerde nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten 69 8

Andere materiële posten 2014

MILJOEN EURO TOTAAL VAN DE TE
RAPORTEREN SEGMENTEN
Aanpassingen TOTAAL
Investeringsuitgaven - kasstromen 37 - 37
Afschrijvingen 70 - 70
Bijzondere waardeverminderingsverliezen (1) - (1)
Andere niet-kaskosten (opbrengsten) 203 (7) (1) 196
Kosten van onderzoek en ontwikkeling 146 - 146

(1) DEZE NIET-KASOPBRENGSTEN HEBBEN BETREKKING OP WINSTEN UIT DE BEËINDIGING VAN VERPLICHTINGEN WEGENS VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING ALS GEVOLG VAN EEN PENSIOEN 'BUY-OUT' PROJECT VAN HET AGFA-GEVAERT FABRIEKSPENSIOEN.

Andere materiële posten 2013

MILJOEN EURO TOTAAL VAN DE TE
RAPORTEREN SEGMENTEN
Aanpassingen TOTAAL
Investeringsuitgaven - kasstromen 40 - 40
Afschrijvingen 80 - 80
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 6 - 6
Andere niet-kaskosten (opbrengsten) 195 (46) (1) 149
Kosten van onderzoek en ontwikkeling 146 - 146

(1) DEZE NIET-KASKOSTEN HEBBEN BETREKKING OP OPBRENGSTEN UIT VERSTREKEN DIENSTTIJD EN WINSTEN UIT BEËINDIGING VAN VERPLICHTINGEN WEGENS VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING. DE TOTALE IMPACT BEDRAAGT 65 MILJOEN EURO WAARVAN 46 MILJOEN EURO NIET KON WORDEN TOEGEWEZEN AAN EEN TE RAPPORTEREN SEGMENT. HET BEDRAG VAN 65 MILJOEN EURO WORDT GERAPPORTEERD IN OVERIGE BEDRIJFSOPBRENGSTEN (ZIE TOELICHTING 9) EN WORDT VERDER IN DETAIL BESPROKEN IN TOELICHTING 20.1 PERSONEELSBELONINGEN.

Geografische informatie 2014

MILJOEN EURO Opbrengsten
per markt (2)
Vaste activa (3)
Europa (1) 1.051 485
NAFTA 647 318
Latijns-Amerika 240 30
Azië/Oceanië/Afrika 682 33
TOTAAL 2.620 866
(1) WAARVAN BELGIË 40 131

(2) LOCATIE VAN KLANTEN

(3) UITGEZONDERD UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN EN VOLGENS DE LOCATIE VAN DE ACTIVA

Geografische informatie 2013

MILJOEN EURO Opbrengsten
per markt (2)
Vaste activa (3)
Europa (1) 1.144 513
NAFTA 716 295
Latijns-Amerika 270 30
Azië/Oceanië/Afrika 735 33
TOTAAL 2.865 871
(1) WAARVAN BELGIË 41 141

(2) LOCATIE VAN KLANTEN

(3) UITGEZONDERD UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN EN VOLGENS DE LOCATIE VAN DE ACTIVA

6. OVERNAMES EN AFSTOTINGEN

Er waren geen overnames en geen afstotingen gedurende 2014 en 2013.

7. BEHEER VAN FINANCIËLE RISICO'S

Bij de uitoefening van haar bedrijfsactiviteit wordt de Groep blootgesteld aan een aantal financiële risico's – zoals het valutarisico, het renterisico, het risico verbonden aan de prijsschommelingen van de grondstoffen, het liquiditeitsrisico en het kredietrisico – die de financiële positie en het bedrijfsresultaat kunnen beïnvloeden. De doelstellingen, grondslagen en procedures van de Groep betreffende het beheer van deze risico's worden beschreven in deze toelichting.

Voor het beheer van de financiële risico's kan de Groep gebruik maken van afgeleide financiële instrumenten. Het gebruik van deze instrumenten is onderworpen aan interne controles en uniforme regelgeving opgesteld door het centraal 'Treasury Committee' van de Groep.

Gebruikte derivaten zijn 'over-the-counter' financiële instrumenten, voornamelijk termijnwisselverrichtingen. De Groep heeft sinds een aantal jaren 'metal swap' overeenkomsten afgesloten.

7.1 MARKTRISICO

7.1.1 Valutarisico

Het valutarisico is het risico dat de reële waarde of toekomstige kasstromen van een financieel instrument zullen schommelen als gevolg van wisselkoersveranderingen. In het beheer van valutarisico's wordt een onderscheid gemaakt tussen drie types van valutarisico's: het valutatransactierisico, het valutatranslatierisico en het economische risico verbonden aan transacties in vreemde munten.

De Groep is blootgesteld aan een valutatransactierisico op handelsvorderingen, handelsschulden en andere monetaire posten uitgedrukt in een andere munt dan de functionele munt van de Onderneming. Het valutatransactierisico ontstaat eveneens uit de variabiliteit van de kasstromen uit verwachte toekomstige transacties. De resultaten en financiële positie van groepsondernemingen die een functionele valuta hebben die verschillend is van de euro, zijn onderhevig aan een valutatranslatierisico. Het economische valutarisico is het risico dat de toekomstige kasstromen en resultaten van de buitenlandse activiteiten kunnen schommelen. Het economische valutarisico is in zeer hoge mate afhankelijk van andere factoren zoals de concurrentiepositie van de buitenlandse activiteit binnen een bedrijfstak, de relatie met klanten en leveranciers.

In het beheer van de valutarisico's richt het centrale thesauriedepartement zich voornamelijk op het valutatransactierisico en het valutatranslatierisico, daar waar het bedrijfsmanagement zich voornamelijk richt op het beheer van het economisch valutarisico door middel van natuurlijke indekkingen.

Elk van bovengenoemde valutarisico's beïnvloedt de jaarrekening op een verschillende manier. Het centrale thesauriedepartement controleert en beheert de valutarisico's vanuit de impact die ze hebben op zowel de balans als de winst- en verliesrekening.

7.1.2 Valutatransactierisico – impact op de balans

De munten die aanleiding geven tot een valutatransactierisico – op nettobasis – betreffen voornamelijk de US dollar, de Chinese Renminbi, het pond sterling, de Canadese dollar en de Australische dollar.

Met betrekking tot deze munten was de Groep per 31 december 2014 blootgesteld aan het volgende valutarisico:

Indekkingsinstrumenten
MILJOEN VREEMDE MUNTEENHEID Nettopositie van
vorderingen en
schulden
Geldmiddelen,
kasequivalenten,
leningen en deposito's
Derivaten Nettopositie
31 december 2014
US dollar 77,7 (139,7) 78,1 16,1
Chinese renminbi 75,8 (58,2) (2,7) 14,9
Pond sterling 6,1 (39,9) 28,3 (5,5)
Canadese dollar (1,2) (0,4) - (1,6)
Australische dollar 11,7 (9,2) - 2,5
31 december 2013
US dollar 139,6 (197,4) 78,7 20,9
Pond sterling 6,6 (33,7) 24,8 (2,3)
Canadese dollar (10,5) (1) - (11,5)
Australische dollar 11,1 (9,3) - 1,8

In het beheer van de impact van het valutatransactierisico op de balans, tracht de Groep om zowel de gerealiseerde als de niet-gerealiseerde wisselkoersresultaten die ontstaan uit de omrekening van balansposten, uitgedrukt in een munt verschillend van de functionele munt van de Onderneming, tot een minimum te herleiden. Teneinde het uitstaande risico te beperken tot vooropgestelde aangepaste risicolimieten, gebruikt het centrale thesauriedepartement derivaten zoals termijnwisselverrichtingen, ter indekking van het wisselkoersrisico verbonden aan in de balans opgenomen monetaire activa en verplichtingen. De uitstaande derivaten per 31 december 2014, zijn termijnwisselverrichtingen met looptijden van minder dan één jaar.

Wanneer derivaten gebruikt worden ter indekking van het wisselkoersrisico verbonden aan in de balans opgenomen monetaire activa en verplichtingen, wordt er geen 'hedge accounting' toegepast. Winsten of verliezen die voortvloeien uit de waardering van deze derivaten tegen reële waarde worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.

7.1.3 Valutatranslatierisico – impact op de balans

Valutakoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van de resultaten en financiële positie van groepsondernemingen die een functionele munt hebben die verschillend is van de presentatiemunt van de Groep, worden in de niet-gerealiseerde resultaten getoond onder valutakoersverschillen, tenzij er een afdekkingmechanisme bestaat.

Alle groepsondernemingen en investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode hebben als functionele munt de munt van het land waarin ze operationeel zijn. Munten die aanleiding geven tot het valutatranslatierisico op de balans betreffen voornamelijk de US dollar, de Canadese dollar, het pond sterling en de Chinese renminbi.

Netto-investering in een buitenlandse entiteit
MILJOEN VREEMDE MUNTEENHEID 31 december 2014 31 december 2013
US dollar 210 298
Canadese dollar 207 209
Chinese renminbi 713 632
Pond sterling (6) 12

Het centrale thesauriedepartement volgt het translatierisico op kwartaalbasis op en stelt corrigerende acties voor aan het Executive Management indien nodig.

De Groep maakt gebruik van termijnwisselverrichtingen uitgedrukt in US dollar (notioneel bedrag 120 miljoen US dollar) om het valutarisico met betrekking tot de netto-investering in één van haar dochterondernemingen in de Verenigde Staten (Agfa Corporation) af te dekken. Per 31 december 2014 werd de afdekking van de nettoinvestering bepaald als een effectieve afdekkingsverrichting. Het effectieve deel van de winst op de afdekkingsinstrumenten werd bijgevolg rechtstreeks in de nietgerealiseerde resultaten opgenomen (Valutakoersverschillen: 18 miljoen euro).

7.1.4 Valutarisico – impact op de winst- en verliesrekening

Het valutarisico dat de winst- en verliesrekening beïnvloedt, omvat het valutarisico dat ontstaat uit de variabiliteit van de kasstromen uit verwachte toekomstige transacties uitgedrukt in vreemde valuta alsook het risico verbonden aan schommelingen van de resultaten van de buitenlandse activiteiten bij de omrekening naar de presentatiemunt (euro). Het centrale thesauriedepartement beheert beide risico's samen.

De munten die het valutarisico op de winst- en verliesrekening beïnvloeden, betreffen voornamelijk de US dollar, de Canadese dollar, het pond sterling, de Australische dollar en munten die nauw verbonden zijn aan de US dollar zoals de Hong Kong dollar en de Chinese renminbi.

Aan de hand van aanbevelingen van het centrale 'Treasury Committee' beslist het Executive Management over de te volgen indekkingspolitiek rekening houdend met de bestaande marktsituatie. De groepsobjectieven betreffende beheer van de impact van het valutarisico op de winst- en verliesrekening, zijn om de voorspelbaarheid van de financiële resultaten te verhogen en tevens om ook de bedrijfsuitoefening van de Groep binnen een beperkte tijdshorizon te vrijwaren daar waar zij niet kan inspelen op de snel veranderende economische omgeving. Dit gebeurt door middel van prijsaanpassingen en bijsturingen van de productie.

In 2014 duidde de Groep termijnwisselcontracten aan als kasstroomafdekkingen van het vreemde-valutarisico in pond sterling en US dollar waaraan de Groep is blootgesteld op haar zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen over de volgende 12 maanden.

Het deel van de winsten op de termijnwisselcontracten, dat effectief gebleken was, werd geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten (31 december 2014: min 4 miljoen euro). In de loop van 2014 werden verliezen ten belope van 9 miljoen euro rechtstreeks opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten. Verliezen ten belope van 5 miljoen euro werden geherklasseerd uit de niet-gerealiseerde resultaten naar de winst- en verliesrekening en geboekt in mindering van 'Opbrengsten'.

In 2013 duidde de Groep termijnwisselcontracten aan als kasstroomafdekkingen van het vreemde-valutarisico in pond sterling en US dollar waaraan de Groep is blootgesteld op haar zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen over de volgende 12 maanden.

Het deel van de winsten op de termijnwisselcontracten, dat effectief gebleken was, werd geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten (31 december 2013: 0 miljoen euro). In de loop van 2013 werden winsten ten belope van 1 miljoen euro rechtstreeks opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten. Winsten ten belope van 1 miljoen euro werden geherklasseerd uit de niet-gerealiseerde resultaten naar de winst- en verliesrekening in 'Opbrengsten'.

7.1.5 Gevoeligheidsanalyse

Een versterking of verzwakking van de euro met 10% ten opzichte van de munten vermeld in onderstaande tabel zou onderstaand positief of negatief effect gehad hebben op de winst- en verliesrekening, gegeven dat alle andere risicovariabelen constant gehouden worden. De gevoeligheidsanalyse werd uitgevoerd op de gebudgetteerde nettorisicopositie, geschat voor het jaar 2014, rekening gehouden met de impact van derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen.

Winst- en verliesrekening
2014 2013
MILJOEN EURO Versterking van
de euro met 10%
Verzwakking van
de euro met 10%
Versterking van
de euro met 10%
Verzwakking van
de euro met 10%
US dollar en andere
munten nauw
gerelateerd aan de
US dollar: Hong Kong
dollar - Chinese
renminbi
(0,8) 0,8 (5,7) 5,7
Canadese dollar 1,7 (1,7) 1,0 (1,0)
Pond sterling (1,8) 1,8 (2,0) 2,0
Australische dollar (3,3) 3,3 (3,4) 3,4

7.1.6 Renterisico

Het renterisico is het risico dat de reële waarde of toekomstige kasstromen van een financieel instrument zullen schommelen als gevolg van veranderingen in de marktrente. De Groep is blootgesteld aan het renterisico verbonden aan haar netto rentedragende schuldpositie inclusief valutaswaps en hun rentecomponent die leningen en deposito's tussen ondernemingen van de Groep economisch afdekken. Voor de belangrijkste munten is het renteprofiel hiervan op de balansdatum als volgt:

Opgenomen bedrag aan rentedragende verplichtingen
2014 2013
MILJOEN EURO Aan vlottende
interestvoet
Aan vaste
interestvoet
Aan vlottende
interestvoet
Aan vaste
interestvoet
Euro (93) 297 (13) 319
US dollar 30 - 21 -
Pond sterling (36) - (32) -
Chinese renminbi (44) - (20) -
Canadese dollar (3) - (8) -
Australische dollar (5) - (4) -
Japanse yen 9 - 3 -

7.1.7 Gevoeligheidsanalyse

Een verandering van 100 basispunten ten opzichte van de interestvoeten geldend per 31 december 2014 zou onderstaande stijging (of daling) teweeg hebben gebracht in de resultaten zoals opgenomen in de winst- en verliesrekening. In deze gevoeligheidsanalyse zijn alle andere risicovariabelen, zoals wisselkoersen, constant gehouden. De gevoeligheidsanalyse werd voor 2013 op dezelfde basis uitgevoerd.

Winst- en verliesrekening
Stijging met 100 basispunten Daling met 100 basispunten
31 december 2014
Netto-impact 1,7 (1,7)
31 december 2013
Netto-impact 1,0 (1,0)

7.1.8 Risico's verbonden aan de schommelingen in de prijzen van de grondstoffen

Het grondstoffenrisico voor de Groep is geconcentreerd rond de grondstoffen zilver en aluminium. Het grondstoffenrisico voor de Groep, zijnde het risico dat de toekomstige kasstromen en resultaten schommelen tengevolge van veranderende materiaalprijzen, hangt nauw samen met andere factoren zoals concurrentiepositie van de Groep en relaties met klanten en leveranciers.

Teneinde het risico op mogelijke prijsstijgingen en prijsschommelingen van de grondstoffen te beperken, past de Groep een strategie toe waarbij de grondstof aluminium wordt aangekocht aan contantkoersen gecombineerd met een systeem van 'Rolling layered forward buying'.

Het systeem van 'Rolling layered forward buying' werd voornamelijk opgezet om de fluctuaties van grondstofprijzen uit te vlakken. Volgens dit model koopt de Groep een vooraf bepaald percentage van het geplande jaarlijkse verbruik aan grondstoffen aan. Het 'Commodity Steering'- Committee houdt toezicht op de aankoop- en indekkingstrategie.

Afwijkingen van het model zijn mogelijk, waarbij de Chief Executive Officer de uiteindelijke beslissing neemt.

Het systeem van 'Rolling layered forward buying' wordt gedeeltelijk bereikt door een combinatie van enerzijds termijncontracten voor de levering van grondstoffen afgesloten met grondstoffenleveranciers overeenkomstig de verwachte behoefte en effectief gebruik van de Groep en anderzijds door 'metal swap'-overeenkomsten. Deze 'metal swap'-overeenkomsten worden afgesloten met een investeringsbank en zijn aangeduid als kasstroomafdekkingen van de verwachte prijsschommelingen van aluminium dat zal aangekocht worden in de toekomst. Het deel van de winst of verliezen op de swap-overeenkomsten, dat effectief gebleken is, werd geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten (31 december 2014: min 7 miljoen euro; 31 december 2013: min 10 miljoen euro). In de loop van 2014 werden verliezen ten belope van 5 miljoen euro rechtstreeks opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten. Een bedrag van 8 miljoen euro werd geherklasseerd uit de niet-gerealiseerde resultaten en geboekt in de initiële boekwaarde van de voorraad.

Verder tracht de Groep steeds het effect van gestegen grondstoffenprijzen op haar financiële positie te verlichten door verkoopprijsaanpassingen en door het nemen van kostenbesparingsmaatregelen, afhankelijk van de omvang van de grondstoffenprijsstijgingen, van de evolutie van de geldende muntkoersen en de algemene marktomstandigheden.

7.2 KREDIETRISICO

Het kredietrisico is het risico dat de tegenpartij bij een financieel instrument haar verplichtingen niet kan nakomen waardoor de Groep een financieel verlies te verwerken krijgt. De Groep beheert haar kredietrisico enerzijds door het opleggen van vooraf afgesproken kredietlimieten per tegenpartij en anderzijds door middel van diversificatie in contracterende partijen. Het kredietrisico van de Groep komt voornamelijk voort uit handelsvorderingen, investeringen en termijnwisselverrichtingen. De blootstelling aan het kredietrisico uit handelsvorderingen wordt continu opgevolgd door het 'Credit Committee'. Voor elke klant worden er, gebaseerd op zijn/haar kredietwaardigheid en specifieke karakteristieken, kredietlimieten bepaald die op periodieke basis herzien worden door het 'Credit Committee'. Voor de opvolging van het kredietrisico worden klanten gegroepeerd in risicocategorieën, op basis van welbepaalde financiële karakteristieken. Het beleid van de Groep betreffende het beheersen van het kredietrisico bepaalt tevens om een deel van de klantenportefeuille te verzekeren via kredietverzekering teneinde het risico op wanbetaling te beperken.

Goederen worden verkocht met behoud van eigendomstitel tot moment van betaling, zodat de Groep in geval van wanbetaling een rechtmatige eis kan stellen op de verkochte goederen. De Groep eist onder normale omstandigheden geen waarborgen met betrekking tot handels- en diverse vorderingen.

Het is enkel toegelaten om afgeleide financiële instrumenten af te sluiten met tegenpartijen die over een hoge kredietwaardigheid beschikken. Teneinde de concentratie van risico's verbonden aan een tegenpartij te beperken, worden afgeleide financiële instrumenten afgesloten met diverse financiële instellingen. Investeringen zijn enkel toegelaten in activa die vrij verhandelbaar zijn.

7.2.1 Blootstelling aan kredietrisico

Aangezien de Groep over een brede klantenportefeuille beschikt, zijn er geen significante concentraties van kredietrisico op de balansdatum. Het kredietrisico met betrekking tot PIIGS landen, zijnde Portugal, Italië, Ierland, Griekenland en Spanje, wordt zeer strikt opgevolgd door de 'Credit Committees' van de Groep en wordt centraal beheerd. Het kredietrisico op deze landen dient binnen vooraf opgestelde grenzen te blijven.

De respectieve boekwaarden van de financiële activa opgenomen in de balans geven het maximale kredietrisico weer waaraan de Groep is blootgesteld. Het maximale kredietrisico waaraan de Groep blootgesteld is op de rapporteringsdatum, per categorie van financiële activa, is als volgt:

MILJOEN EURO TOELICHTING 2014 2013
Voor verkoop beschikbare financiële activa
Begrepen in investeringen 15 13 7
Begrepen in geldmiddelen en kasequivalenten 18 - -
Tot einde looptijd aangehouden beleggingen
Begrepen in investeringen 15 - -
Begrepen in geldmiddelen en kasequivalenten 18 24 -
Financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van
waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening
Derivaten aangeduid als afdekking van een netto-investering - activa 7.5 - -
Derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen - activa 7.5 - 1
Derivaten die geen deel uitmaken van een afdekkingsrelatie - activa 7.5 2 2
Begrepen in investeringen 15 2 2
Leningen en vorderingen
Handelsvorderingen 17 538 585
Invorderbare minimale leasebetalingen 17 79 84
Overige financiële vorderingen 17 21 24
Leningen en vorderingen inbegrepen in investeringen 15 1 1
Kas, depositorekeningen en cheques 18 172 126

7.2.2 Waardeverminderingsverliezen

De Groep beoordeelt ieder kwartaal of er objectieve aanwijzingen zijn voor het boeken van waardeverminderingsverliezen op een financieel actief of op een groep van financiële activa. Deze waardeverminderingsverliezen worden geboekt voor het verschil tussen de boekwaarde van de vorderingen en de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen.

Individueel belangrijke financiële activa worden op individuele basis beoordeeld op waardeverminderingsverliezen in overleg met het 'Credit Committee'. Bij niet belangrijke financiële activa geschiedt de beoordeling op collectieve basis.

De ouderdomsanalyse van handelsvorderingen en invorderbare minimale leasebetalingen op de rapporteringsdatum is de volgende:

2014 2013
MILJOEN EURO Bruto
waarde
Waarde
verminderings
verliezen
Netto
waarde
Bruto
waarde
Waarde
verminderings
verliezen
Netto
waarde
Handelsvorderingen
Niet vervallen 473 (3) 470 501 (2) 499
Tussen 0 en 30 dagen na vervaldatum 26 (1) 25 30 (1) 29
Tussen 31 en 90 dagen na vervaldatum 16 (1) 15 19 (1) 18
Meer dan 90 dagen na vervaldatum 88 (60) 28 100 (61) 39
TOTAAL HANDELSVORDERINGEN 603 (65) 538 650 (65) 585
Invorderbare minimale leasebetalingen
Niet vervallen 78 (1) 77 85 (1) 84
Tussen 0 en 30 dagen na vervaldatum 1 - 1 - - -
Tussen 31 en 90 dagen na vervaldatum 1 - 1 - - -
Meer dan 90 dagen na vervaldatum 1 (1) - - - -
TOTAAL INVORDERBARE
MINIMALE LEASEBETALINGEN
81 (2) 79 85 (1) 84
Leningen begrepen in investeringen
Niet vervallen - - - - - -
Tussen 0 en 30 dagen na vervaldatum - - - - - -
Tussen 31 en 90 dagen na vervaldatum - - - - - -
Meer dan 90 dagen na vervaldatum 1 - 1 1 - 1
TOTAAL LENINGEN BEGREPEN
IN INVESTERINGEN
1 - 1 1 - 1

Er worden geen waardeverminderingsverliezen geboekt voor vervallen bedragen waarvoor de inning meer dan waarschijnlijk is of waarvoor voldoende waarborgen verkregen werden. De Groep meent dat nog openstaande vorderingen, al meer dan dertig dagen na vervaldatum, volledig inbaar zijn. Dit op basis van betalingsgedrag uit het verleden en intensieve analyse van het individuele klantenrisico.

De beweging in de voorziening voor waardeverminderingsverliezen met betrekking tot leningen en vorderingen is de volgende:

MILJOEN EURO 2014 2013
Boekwaarde per 1 januari 66 77
Toevoegingen/terugnemingen geboekt in de
winst- en verliesrekening
6 3
Afboeking van de voorziening voor
waardeverminderingsverliezen (1)
(7) (13)
Wisselkoersverschillen 2 (1)
Boekwaarde per 31 december 67 66

(1) AFBOEKINGEN WAARVOOR VROEGER EEN VOORZIENING VOOR WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN GEBOEKT WAS.

7.3 LIQUIDITEITSRISICO

Het liquiditeitsrisico is het risico dat de Groep zijn verplichtingen in verband met financiële schulden op vervaldag niet kan nakomen.

De Groep verzekert zich ervan over voldoende liquiditeiten te beschikken om zijn verplichtingen af te lossen. Het liquiditeitsrisico wordt beheerd door het handhaven van voldoende diversificatie in fondsen.

De Groep heeft een beleid geïmplementeerd teneinde concentraties van het liquiditeitsrisico te beperken. De totaliteit van de opgenomen en niet-opgenomen schuld onder gecommitteerde kredietfaciliteiten bij één bank of bankengroep mag vooraf bepaalde limieten niet overschrijden. Risicoconcentraties worden op regelmatige basis opgevolgd door het 'Treasury Committee'.

In het beheer van zijn liquiditeitsrisico heeft de Groep een gecommitteerde kredietfaciliteit ter beschikking. In de loop van 2011 werd deze faciliteit onderhandeld voor een periode tot 31 mei 2016. Het notionele bedrag van deze faciliteit bedraagt 445 miljoen euro. Geldopnames onder deze kredietlijnen worden gedaan voor korte periodes maar de Groep heeft, onder de bestaande herfinancieringovereenkomst, de mogelijkheid om de leningen te verlengen voor langere periodes na balansdatum. Op 31 december 2014 zijn er geen opnames onder deze faciliteit.

In de looptijdanalyse zoals hieronder voorgesteld zijn de terugbetalingen van de 'revolving'-kredietfaciliteit inbegrepen in de vroegste tijdsband dat de Groep verplicht zou kunnen worden tot terugbetaling van de opgenomen verplichtingen.

De contractuele looptijdanalyse voor financiële verplichtingen, inclusief aflossing van hoofdbedrag en rentebetalingen, wordt in de tabel hieronder weergegeven. De kasstromen over de contractuele resterende looptijden worden berekend op basis van de voorwaarden aangaande wisselkoersen en interestvoeten die bestonden op de rapporteringsdatum.

Wat betreft derivaten omvat de looptijdanalyse de kasstromen met betrekking tot verplichtingen uit derivaten en alle ingaande en uitgaande kasstromen uit alle termijnwisselverrichtingen die op een bruto manier afgerekend worden. De contractuele kasstromen van termijnwisselverrichtingen werden berekend op basis van termijnwisselkoersen.

2014 Looptijden van contractuele kasstromen
MILJOEN EURO Boek
waarde
TOTAAL Minder dan
3 maanden
Tussen 3 en
12 maanden
Tussen 1
en 5 jaar
Meer dan
5 jaar
Financiële schulden
Obligatielening 188 206 - 155 51 -
Revolving-kredietfaciliteit (1) (1) - - - - -
EIB lening 110 121 15 15 91 -
Andere rentedragende verplichtingen 25 25 20 5 - -
Handelsschulden 230 230 230 - -
Financiële verplichtingen vervat in overige te betalen posten 49 49 49 - -
Verplichtingen uit afgeleide financiële instrumenten
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als afdekking van de netto-investering in een buitenlandse entiteit
Uitgaande kasstromen (2) (97) (97) - - -
Inkomende kasstromen 95 95 - - -
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen
Uitgaande kasstromen (4) (40) (40) - - -
Inkomende kasstromen 36 36 - - -
Andere termijnwisselverrichtingen:
Uitgaande kasstromen (1) (163) (161) (2) - -
Inkomende kasstromen 1 163 161 2 - -
Swap-contracten aangeduid als kasstroomafdekkingen (7) (7) - (6) (1) -

(1) OP 31 DECEMBER 2014 ZIJN ER GEEN OPNAMES ONDER DE REVOLVING KREDIETFACILITEIT. DE TRANSACTIEKOSTEN ZIJN GEBOEKT IN MINDERING VAN DE BOEKWAARDE VAN DE FINANCIËLE SCHULD EN WORDEN GESPREID VOLGENS DE EFFECTIEVE INTERESTMETHODE (1 MILJOEN EURO).

2013 Looptijden van contractuele kasstromen
MILJOEN EURO Boek
waarde
TOTAAL Minder dan
3 maanden
Tussen 3 en
12 maanden
Tussen 1
en 5 jaar
Meer dan
5 jaar
Financiële schulden
Obligatielening 189 205 - 8 197 -
Revolving-kredietfaciliteit (1) (2) - - - - -
EIB lening 130 147 10 16 115 6
Andere rentedragende verplichtingen 26 27 9 15 3 -
Handelsschulden 239 239 239 - -
Financiële verplichtingen vervat in overige te betalen posten 59 59 58 1 -
Verplichtingen uit afgeleide financiële instrumenten
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als afdekking van de netto-investering in een buitenlandse entiteit
Uitgaande kasstromen - (87) (87) - - -
Inkomende kasstromen - 87 87 - - -
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen
Uitgaande kasstromen - (29) (29) - - -
Inkomende kasstromen 1 30 30 - - -
Andere termijnwisselverrichtingen:
Uitgaande kasstromen (1) (157) (157) - - -
Inkomende kasstromen 1 157 157 - - -
Swap-contracten aangeduid als kasstroomafdekkingen (9) (9) (2) (7) - -

(1) OP 31 DECEMBER 2013 ZIJN ER GEEN OPNAMES ONDER DE REVOLVING KREDIETFACILITEIT. DE TRANSACTIEKOSTEN ZIJN GEBOEKT IN MINDERING VAN DE BOEKWAARDE VAN DE FINANCIËLE SCHULD EN WORDEN GESPREID VOLGENS DE EFFECTIEVE INTERESTMETHODE (2 MILJOEN EURO).

De perioden waarin de kasstromen uit derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen naar verwachting zullen plaatsvinden en naar verwachting de winst- en verliesrekening zullen beïnvloeden, worden in de volgende tabel weergegeven, samen met de reële waarde van het afdekkinginstrument.

Verwachte kasstromen
2014
MILJOEN EURO
Reële waarde TOTAAL Minder dan
3 maanden
Tussen 3 en
12 maanden
Tussen 1
en 5 jaar
Meer dan
5 jaar
Derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen en afdekking van een netto-investering
Termijnwisselverrichtingen
Inkomende kasstromen - 131 131 - - -
Uitgaande kasstromen (6) (137) (137) - - -
Swap-overeenkomsten
Inkomende kasstromen - - - - - -
Uitgaande kasstromen (7) (7) - (6) (1) -
2013 Verwachte kasstromen
MILJOEN EURO Reële waarde TOTAAL Minder dan
3 maanden
Tussen 3 en
12 maanden
Tussen 1
en 5 jaar
Meer dan
5 jaar
Derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen en afdekking van een netto-investering
Termijnwisselverrichtingen
Inkomende kasstromen 1 117 117 - - -
Uitgaande kasstromen - (116) (116) - - -
Swap-overeenkomsten
Inkomende kasstromen - - - - - -
Uitgaande kasstromen (9) (9) (2) (7) - -

7.4 KAPITAALBEHEER

Het Executive Management houdt toezicht op de verhouding van de netto financiële schuld ten opzichte van het eigen vermogen. Het Executive Management tracht deze verhouding op een vooropgesteld niveau aan te houden. De netto financiële schuld is de som van kortlopende en langlopende rentedragende verplichtingen verminderd met de geldmiddelen en kasequivalenten. De aanpak van de Groep betreffende kapitaalbeheer is niet gewijzigd gedurende het jaar.

De Groep is niet onderworpen aan wettelijk opgelegde kapitaalvereisten, met uitzondering van statutaire minimum-kapitaalvereisten van toepassing op groepsfilialen in de verschillende landen.

Gedurende de voorbije jaren kocht de Groep eigen aandelen in op de markt. Deze aandelen dienen ter indekking van de aandelenoptieplannen die in de toekomst uitgegeven zullen worden. De Groep heeft geen vooraf gedefinieerd beleid aangaande terugkoop van eigen aandelen.

7.5 VERWERKINGSCATEGORIEËN EN REËLE WAARDEN

De reële waarde is het bedrag waarvoor een actief kan worden verhandeld of een verplichting kan worden afgewikkeld in een transactie tussen marktparticipanten op de waarderingsdatum. Alle afgeleide financiële instrumenten worden tegen reële waarde opgenomen in de balans.

De Groep groepeert haar financiële instrumenten rekening houdend met de kenmerken van deze financiële instrumenten. De reële waarden en de boekwaarden van financiële activa en verplichtingen gegroepeerd per verwerkingscategorie alsook de reconciliatie naar de onderliggende posten in de balans worden toegelicht in de hiernavolgende tabel. Aangezien 'Overige vorderingen en overige vlottende activa' en 'Overige te betalen posten' zowel financiële als niet-financiële items bevatten (zoals voorafbetalingen voor toekomstige dienstverleningen, verplichtingen voor sociale uitgaven en personeelsbeloningen), werd de reconciliatie getoond in de kolom 'Niet-financiële activa en verplichtingen'.

Boekwaarden van financiële activa en verplichtingen
Gewaardeerd aan
Gewaardeerd aan reële waarde
geamortiseerde
kostprijs
2014
MILJOEN EURO
TOELICHTING Geclassificeerd als
aangehouden voor
handelsdoeleinden
waarde via de winst- en
Gewaardeerd aan reële
verliesrekening
beschikbaar voor verkoop
Aangehouden als
aangehouden beleggingen (1)
Tot einde looptijd
Leningen en vorderingen (2) Niet-financiële activa en verplichtingen
gewaardeerd aan kostprijs
Boekwaarde op de balans
FINANCIËLE ACTIVA
Investeringen 15 - 2 13 - 1 1 17
Handelsvorderingen 17 - - - - 538 - 538
Overige vorderingen en overige vlottende activa 17
Vorderingen uit financiële lease-overeenkomsten - - - - 79 - 79
Overige financiële vorderingen - - - - 21 - 21
Overige vorderingen - - - - - 20 20
Derivaten
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als
kasstroomafdekkingen
- - - - - - -
Overige termijnwisselverrichtingen 1 - - - - - 1
Overige swap-contracten 1 - - - - - 1
Geldmiddelen en kasequivalenten 18 - - - 24 (1) 172 - 196
TOTAAL VAN DE FINANCIËLE ACTIVA 2 2 13 24 811 21 873
FINANCIËLE VERPLICHTINGEN
Rentedragende verplichtingen
21
EIB-lening - - - - 110 (2) - 110
Overige rentedragende verplichtingen - - - - 24 - 24
Obligatielening - - - - 188 (2) - 188
Handelsschulden 23 - - - - 230 - 230
Overige te betalen posten 23 - - - - 49 36 85
Derivaten
Swap-contracten aangeduid
als kasstroomafdekkingen
7 - - - - - 7
Termijnwisselverrichtingen aangeduid
als kasstroomafdekkingen
6 - - - - - 6
Overige termijnwisselverrichtingen 1 - - - - - 1
TOTAAL VAN DE FINANCIËLE VERPLICHTINGEN 14 - - - 601 36 651

(1) DE REËLE WAARDE VAN DE FINANCIËLE ACTIVA AANGEHOUDEN TOT EINDE LOOPTIJD BENADERT DE BOEKWAARDE.

(2) DE REËLE WAARDE VAN DE LENINGEN EN VORDERINGEN IS NIET TOEGELICHT DAAR DEZE CATEGORIE – MET UITZONDERING VAN DE OBLIGATIELENING EN DE EIB-LENING – KORTETERMIJNVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN OMVAT WAARVOOR DE NETTOBOEKWAARDE EEN GOEDE BENADERING IS VAN DE REËLE WAARDE. DE REËLE WAARDE VAN DE OBLIGATIELENING OP 31 DECEMBER 2014 BEDRAAGT 192 MILJOEN EURO, ZIJNDE DE GENOTEERDE MARKTPRIJS OP DE BALANSDATUM (31 DECEMBER 2013: 191 MILJOEN EURO). DE REËLE WAARDE VAN DE EIB-LENING BEDRAAGT 113 MILJOEN EURO.

Boekwaarden van financiële activa en verplichtingen
Gewaardeerd aan reële waarde kostprijs Gewaardeerd aan
geamortiseerde
2013
MILJOEN EURO
TOELICHTING Geclassificeerd als
aangehouden voor
handelsdoeleinden
waarde via de winst- en
Gewaardeerd aan reële
verliesrekening
beschikbaar voor verkoop
Aangehouden als
aangehouden beleggingen
Tot einde looptijd
Leningen en vorderingen (1) Niet-financiële activa en verplichtingen
gewaardeerd aan kostprijs
Boekwaarde op de balans
FINANCIËLE ACTIVA
Investeringen 15 - 2 7 - 1 1 11
Handelsvorderingen 17 - - - - 585 - 585
Overige vorderingen en overige vlottende activa 17
Vorderingen uit financiële lease-overeenkomsten - - - - 84 - 84
Overige financiële vorderingen - - - - 24 - 24
Overige vorderingen - - - - - 18 18
Derivaten
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als
kasstroomafdekkingen
1 - - - - - 1
Overige termijnwisselverrichtingen 1 - - - - - 1
Overige swap-contracten 1 - - - - - 1
Geldmiddelen en kasequivalenten 18 - - - - 126 - 126
TOTAAL VAN DE FINANCIËLE ACTIVA 3 2 7 - 820 19 851
FINANCIËLE VERPLICHTINGEN
Rentedragende verplichtingen 21
EIB-lening - - - - 130 - 130
Overige rentedragende verplichtingen - - - - 24 - 24
Obligatielening - - - - 189 (1) - 189
Handelsschulden 23 - - - - 239 - 239
Overige te betalen posten 23 - - - - 59 36 95
Derivaten
Swap-contracten aangeduid als
kasstroomafdekkingen
9 - - - - - 9
Overige termijnwisselverrichtingen 1 - - - - - 1
TOTAAL VAN DE FINANCIËLE VERPLICHTINGEN 10 - - - 641 36 687

(1) DE REËLE WAARDE VAN DE LENINGEN EN VORDERINGEN IS NIET TOEGELICHT DAAR DEZE CATEGORIE – MET UITZONDERING VAN DE OBLIGATIELENING – KORTETERMIJNVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN OMVAT WAARVOOR DE NETTOBOEKWAARDE EEN GOEDE BENADERING IS VAN DE REËLE WAARDE. DE REËLE WAARDE VAN DE OBLIGATIELENING OP 31 DECEMBER, 2013 BEDRAAGT 191 MILJOEN EURO, ZIJNDE DE GENOTEERDE MARKTPRIJS OP DE BALANSDATUM.

7.5.1 Basis voor de bepaling van reële waarden

De methoden en veronderstellingen toegepast bij het bepalen van de reële waarde van iedere categorie financiële activa of financiële verplichtingen zijn de volgende:

7.5.1.1 Voor verkoop beschikbare financiële activa

Investeringen in aandelen, andere dan investeringen verwerkt volgens de 'equity' methode, worden geclassificeerd als financiële activa beschikbaar voor verkoop en worden geboekt aan reële waarde, met uitzondering van de aandelen die niet op een actieve markt zijn genoteerd en waarbij de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan worden bepaald. De reële waarde van financiële activa beschikbaar voor verkoop is hun genoteerde biedkoers op de rapporteringsdatum.

7.5.1.2 Financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening

De reële waarden van termijnwisselcontracten en swap-contracten zijn berekend, gebaseerd op waarneembare termijnwisselkoersen en de rendementscurve van het instrument.

7.5.1.3 Leningen en vorderingen

De reële waarde van handelsvorderingen en overige financiële vorderingen is de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen, gedisconteerd aan de marktconforme interestvoeten op de rapporteringsdatum. De reële waarde van de leningen en vorderingen wordt niet apart toegelicht gezien het gaat over korte termijn vorderingen en verplichtingen waarvoor de nettoboekwaarde een goede benadering is van de reële waarde. De reële waarde van invorderbare minimale leasebetalingen is gebaseerd op de contante waarde van de minimum leasebetalingen gedisconteerd aan marktconforme interestvoeten voor vergelijkbare activa.

7.5.1.4 Verplichtingen gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs

De reële waarde is de contante waarde van de toekomstige kasstromen voor de aflossing van het hoofdbedrag en de interestbetalingen, gedisconteerd aan marktconforme interestvoeten op de rapporteringsdatum. De reële waarde van de obligatielening is de genoteerde marktprijs op de rapporteringsdatum. De reële waarde van de kortlopende leningen benadert de boekwaarde op rapporteringsdatum, exclusief transactiekosten, gezien opnames voor een korte periode aangegaan worden.

7.5.1.5 Reële waardetabel

Gegevens gebruikt voor de reële-waardebepalingen van financiële instrumenten geboekt tegen reële waarde, zijn geclassificeerd in de reële waardetabel hierna volgens niveau van betekenis. De reële waardetabel heeft volgende hiërarchische niveaus:

  • Niveau 1: basisgegevens zijn genoteerde prijzen (niet gecorrigeerd) in actieve markten;
  • Niveau 2: basisgegevens zijn niet-genoteerde prijzen, doch zijn gebaseerd op waarneembare gegevens voor het desbetreffende actief of financiële verplichting; hetzij rechtstreeks (zijnde op basis van prijzen) hetzij onrechtstreeks (afgeleid van de prijzen);
  • Niveau 3: basisgegevens zijn gebaseerd op niet-waarneembare gegevens.
31 december 2014 31 december 2013
Hiërarchie van reële
waardeberekeningen
Hiërarchie van reële
waardeberekeningen
MILJOEN EURO Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3
Financiële activa beschikbaar voor verkoop
Gewaardeerd tegen reële waarde 13 - - 7 - -
Financiële activa en verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde via de winst- en verliesrekening
Geclassificeerd als aangehouden voor handelsdoeleinden
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als afdekking van de netto-investering in een buitenlandse entiteit
Activa - - - - - -
Verplichtingen - (2) - - - -
Swap-contracten aangeduid als kasstroomafdekkingen
Activa - - - - - -
Verplichtingen - (7) - - (9) -
Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen
Activa - - - - 1 -
Verplichtingen - (4) - - - -
Derivaten niet aangeduid als afdekkingsinstrumenten in een afdekkingsrelatie
Activa - 2 - - 2 -
Verplichtingen - (1) - - (1) -
Geclassificeerd als gewaardeerd tegen reële waarde
met verwerking van waardeveranderingen in de winst
en verliesrekening
2 - - 2 - -

7.6 BATEN, KOSTEN, WINSTEN EN VERLIEZEN UIT FINANCIËLE INSTRUMENTEN

2014
MILJOEN EURO Leningen en
vorderingen
Tot einde
looptijd aan
gehouden
beleggingen
Financiële
activa
beschikbaar
voor verkoop
Financiële
activa aan
gehouden voor
handels
doeleinden
(derivaten)
Financiële
verplichtingen
aan
geamortiseerde
kostprijs
TOTAAL
Financieringsbaten 2 - - - - 2
Financieringskosten - - - (3) (17) (20)
Inkomsten uit financiële lease-overeenkomsten 7 - - - - 7
Bijzondere waardeverminderingsverliezen (9) - - - - (9)
Opbrengsten uit terugnames van bijzondere
waardeverminderingsverliezen
3 - - - - 3
Veranderingen in reële waarde van derivaten
niet aangeduid als afdekkingsinstrumenten in
een afdekkingsrelatie
- - - - - -
Nettoresultaat uit de ineffectiviteit van
derivaten toegewezen als
kasstroomafdekkingen
- - - - - -
Nettoverandering in de reële waarde van kas
stroomafdekkingen die is overgeboekt uit niet
gerealiseerde resultaten naar de winst- en
verliesrekening
- - - (5) - (5)
2013
MILJOEN EURO Leningen en
vorderingen
Tot einde
looptijd aan
gehouden
beleggingen
Financiële
activa
beschikbaar
voor verkoop
Financiële
activa aan
gehouden voor
handels
doeleinden
(derivaten)
Financiële
verplichtingen
aan
geamortiseerde
kostprijs
TOTAAL
Financieringsbaten 2 - - - - 2
Financieringskosten - - - - (19) (19)
Inkomsten uit financiële lease-overeenkomsten 8 - - - - 8
Bijzondere waardeverminderingsverliezen (9) - - - - (9)
Opbrengsten uit terugnames van bijzondere
waardeverminderingsverliezen
6 - - - - 6
Veranderingen in reële waarde van derivaten
niet aangeduid als afdekkingsinstrumenten in
een afdekkingsrelatie
- - - 1 - 1
Nettoresultaat uit de ineffectiviteit van
derivaten toegewezen als
kasstroomafdekkingen
- - - - - -
Nettoverandering in de reële waarde van
kasstroomafdekkingen die is overgeboekt uit
niet-gerealiseerde resultaten naar de winst- en
verliesrekening
- - - - - -

8. INFORMATIE OVER DE AARD VAN DE KOSTEN

MILJOEN EURO TOELICHTING 2014 2013
Kostprijs van grondstoffen, goederen aangekocht voor verkoop en productiegerelateerde kosten 1.121 1.275
Kostprijs van diensten 73 86
Personeelskosten 859 934
Afschrijvingen 13/14 70 80
(Teruggenomen) bijzondere waardeverminderingsverliezen op immateriële en materiële activa (1) 6
Afwaardering op voorraden 16 22 25
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op leningen en vorderingen 10 9 9

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de belangrijkste kosten naar aard.

De kostprijs van de grondstoffen, de goederen aangekocht voor verkoop en productiegerelateerde kosten betreft het totale bedrag aan leveringen van derden (inclusief aankopen van elektriciteit en andere nutsvoorzieningen) voor zover deze opgenomen zijn in de kostprijs van verkopen gedurende het boekjaar.

De kostprijs van diensten betreft het extern voorbereidende werk voor de verwerking of productie van producten en projecten in opdracht van de onderneming voor zover deze opgenomen zijn in de kostprijs van verkopen gedurende het boekjaar.

In 2014 bedroegen de personeelskosten 859 miljoen euro ten opzichte van 934 miljoen euro in 2013. De afname van 75 miljoen euro wordt hoofdzakelijk verklaard door de evolutie in lonen en salarissen (daling van 56 miljoen euro) en personeel-gerelateerde reorganisatiekosten (daling van 17 miljoen euro).

De personeelskosten kunnen als volgt worden opgesplitst:

MILJOEN EURO 2014 2013
Lonen en salarissen 660 716
Sociale zekerheidsbijdragen 137 140
Kosten voor vergoedingen na uitdiensttreding 41 40
Personeelsgerelateerde reorganisatiekosten 21 38
Andere personeelskosten - -
TOTAAL 859 934

De kosten voor vergoedingen na uitdiensttreding (2014: 41 miljoen euro, 2013: 40 miljoen euro) hebben betrekking op uitgaven voor toegezegdpensioenregelingen betreffende actieve personeelsleden en uitgaven voor toegezegdebijdrageregelingen.

Het gemiddelde aantal personeelsleden in voltijdse equivalenten bedroeg in 2014 10.726 (2013: 11.475). Per functie binnen de Groep kan dit gemiddelde, omvattende permanente en tijdelijke contracten, als volgt weergegeven worden:

2014 2013
Productie en engineering 3.240 3.572
Onderzoek en ontwikkeling 1.461 1.534
Verkoop & marketing/service 4.147 4.385
Administratie 1.878 1.984
TOTAAL 10.726 11.475

9. OVERIGE BEDRIJFSOPBRENGSTEN

Opbrengsten uit verstreken diensttijd en winsten uit beëindiging van verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding worden in detail besproken onder toelichting 20.1 Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding en langetermijnontslagvergoedingen.

Inkomsten uit doorbelastingen aan klanten bevatten voornamelijk doorbelastingen van vrachtkosten en kosten van Onderzoek en Ontwikkeling.

De baten uit de financiële lease-overeenkomsten bevatten hoofdzakelijk interestopbrengsten en opbrengsten uit de verkoop van invorderbare minimale leasebetalingen.

MILJOEN EURO 2014 2013
Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van financiële instrumenten die geen
deel uitmaken van een afdekkingsrelatie (nettobedrag)
32 45
Doorrekening naar klanten 14 14
Terugname van niet-gebruikte voorzieningen geboekt in voorgaande jaren 9 9
Terugname van bijzondere waardeverminderingsverliezen op vorderingen 3 6
Baten uit financiële lease-overeenkomsten 7 8
Pensioenopbrengsten van verstreken diensttijd (toegezegdpensioenregelingen) 7 65
Winst uit de verkoop van materiële vaste activa 1 1
Diverse overige opbrengsten 17 15
TOTAAL 90 163

10. OVERIGE BEDRIJFSKOSTEN

In 2014 registreerde de Groep reorganisatiekosten ten belope van 18 miljoen euro (2013: 45 miljoen euro). Deze kosten omvatten opzeggingsvergoedingen ten belope van 21 miljoen euro (2013: 38 miljoen euro) en 3 miljoen euro inkomsten (2013: 6 miljoen kosten) wegens tegenboeken van waardeverminderingsverliezen op voorraden en materiële vaste activa.

MILJOEN EURO 2014 2013
Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van financiële instrumenten die geen
deel uitmaken van een afdekkingsrelatie (nettobedrag)
38 61
Reorganisatiekosten 18 45
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op vorderingen 9 9
Voorzieningen 6 7
Onttrekking aan een collectieve pensioenregeling in de Verenigde Staten 6 0
Bankkosten 3 3
Kosten van operationele en financiële lease-overeenkomsten 2 2
Diverse overige kosten 25 23
TOTAAL 107 150

11. NETTOFINANCIERINGSLASTEN

MILJOEN EURO 2014 2013
Financieringsbaten
Op bankdeposito's 2 2
TOTAAL FINANCIERINGSBATEN 2 2
Financieringskosten op financiële schulden gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs
Op bankleningen (9) (11)
Op obligatieleningen (8) (8)
TOTAAL FINANCIERINGSKOSTEN (17) (19)
Overige financieringsbaten
Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van derivaten die geen deel
uitmaken van een afdekkingsrelatie - nettobedrag
3 4
Leningen en vorderingen
Financieringsbaten op handels- en overige vorderingen - -
Overige financieringsbaten 5 1
TOTAAL OVERIGE FINANCIERINGSBATEN 8 5
Overige financieringskosten
Pensioenlast van de periode die als overige financiële opbrengsten/(kosten) wordt
behandeld en renteaandeel op overige rentedragende verplichtingen (1)
(36) (43)
Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van derivaten die geen deel
uitmaken van een afdekkingsrelatie - nettobedrag
(5) (8)
Financiële activa gewaardeerd aan reële waarde via de winst- en verliesrekening
geclassificeerd als aangehouden voor handelsdoeleinden
(3) -
Financiële activa beschikbaar voor verkoop
Verliezen op de verkoop van effecten beschikbaar voor verkoop - (1)
Overige financieringskosten (8) (7)
TOTAAL OVERIGE FINANCIERINGSKOSTEN (52) (59)
Nettofinancieringskosten (59) (2) (71) (2)

(1) HET RENTEAANDEEL OP OVERIGE RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN OMVAT VOORNAMELIJK DE INTERESTEN OP DE VERPLICHTINGEN VOOR BRUGPENSIOEN.

(2) BOVENVERMELDE NETTOFINANCIERINGSKOSTEN BEVATTEN VOLGENDE FINANCIERINGSBATEN EN FINANCIERINGSKOSTEN UIT FINANCIËLE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN DIE NIET GECLASSIFICEERD ZIJN IN DE CATEGORIE FINANCIËLE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN TEGEN REËLE WAARDE MET WAARDEVERANDERINGEN OPGENOMEN IN DE WINST- EN VERLIESREKENING.

TOTALE FINANCIERINGSBATEN OP FINANCIËLE ACTIVA 2 2
TOTALE FINANCIERINGSKOSTEN OP FINANCIËLE VERPLICHTINGEN (17) (19)

12. WINSTBELASTINGEN

12.1 OPGENOMEN IN DE WINST- EN VERLIESREKENING

MILJOEN EURO 2014 2013
Verschuldigde winstbelastingen 18 17
Over het boekjaar verschuldigde winstbelastingen 18 17
Over voorgaande boekjaren verschuldigde winstbelastingen - -
Uitgestelde winstbelastingen - 26
Winstbelastingen 18 43

De Groep is onderworpen aan winstbelastingen in een groot aantal rechtsgebieden. Er bestaan onzekerheden betreffende de interpretaties van complexe fiscale regelgevingen in de respectieve landen. De Groep erkent verplichtingen voor elementen die tijdens een belastingcontrole mogelijk op de voorgrond kunnen treden, gebaseerd op aanvaardbare schattingen betreffende het al dan niet verschuldigd zijn van bijkomende belastingen, waarbij diverse factoren zoals ervaring met vorige belastingcontroles en afwijkende interpretaties tussen enerzijds de entiteit die wordt belast en de belastingautoriteit in aanmerking worden genomen. Verschillen die ontstaan tussen reële resultaten en gemaakte assumpties of toekomstige veranderingen aan dergelijke assumpties kunnen aanpassingen aan de belastinglast van toekomstige periodes noodzakelijk maken.

Uitgestelde belastingvorderingen worden erkend wanneer er voldoende zekerheid is over de beschikbaarheid van toekomstige belastbare winsten om de tijdelijke verschillen, niet-gecompenseerde fiscale verliezen en ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden te kunnen gebruiken.

De Groep beoordeelt op geregelde tijdstippen de realiseerbaarheid van haar uitgestelde belastingvorderingen, voornamelijk op basis van de langetermijnplanning voor de bedrijfssegmenten Agfa Graphics en Agfa HealthCare en rekening houdend met de winsten uit het verleden en geschatte toekomstige fiscale winsten van de betreffende geconsolideerde entiteiten. Andere parameters zoals het verwachte tijdstip van de afwikkeling van bestaande tijdelijke verschillen en strategieën betreffende planning van de fiscale winst worden eveneens bij deze beoordeling in aanmerking genomen. Belangrijke wijzigingen aan bedrijfsplannen en/of goederen- en dienstenstromen die de fiscale winsten of verliezen van bepaalde entiteiten van de Groep beïnvloeden, kunnen een impact hebben op de realisatie van uitgestelde belastingvorderingen. Verschillen die ontstaan tussen reële resultaten en gemaakte assumpties of toekomstige veranderingen aan dergelijke assumpties, kunnen resulteren in het tegenboeken van bepaalde uitgestelde belastingvorderingen wat aanleiding geeft tot een verhoogd effectief belastingtarief voor de Groep.

12.2 RELATIE TUSSEN WINSTBELASTINGEN EN WINST (VERLIES) VOOR BELASTINGEN

12.2.1 Samenvatting 2014

MILJOEN EURO
Winst (verlies) voor belastingen 77
Winstbelastingen 18
Belastingtarief 23,38%

12.2.2 Aansluiting tussen het gemiddelde effectieve belastingtarief en het toepasselijke belastingtarief

MILJOEN EURO
Winst (verlies) voor belastingen 77
Het product van het resultaat voor belastingen en het toepasselijke belastingtarief 21
Toepasselijke belastingtarief (1) 27,27%
Fiscaal niet aftrekbare lasten 4
Impact van fiscaal verrekenbare tegoeden en andere verminderingen van de belastbare basis (6)
Fiscale verliezen waarvoor geen uitgestelde belastingvordering werd opgenomen 25
Impact gebruikte fiscale verliezen in 2014 waarvoor in het verleden geen uitgestelde belastingvordering werd opgenomen (7)
Uitgestelde belastingvorderingen erkend op verliezen van vorige jaren (8)
Tegenboeking van voorheen geboekte uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen 11
Tegenboeking van aftrekbare tijdelijke verschillen waarvoor geen uitgestelde belastingvordering werd erkend (24)
Overige 2
Winstbelastingen 18
Gemiddelde effectieve belastingtarief 23,38%

(1) HET TOEPASSELIJKE BELASTINGTARIEF IS HET GEWOGEN GEMIDDELDE BELASTINGTARIEF VAN DE ONDERNEMING EN AL HAAR GECONSOLIDEERDE DOCHTERONDERNEMINGEN.

12.2.3 Samenvatting 2013

MILJOEN EURO
Winst (verlies) voor belastingen 92
Winstbelastingen 43
Belastingtarief 46,74%

12.2.4 Aansluiting tussen het gemiddelde effectieve belastingtarief en het toepasselijke belastingtarief

MILJOEN EURO
Winst (verlies) voor belastingen 92
Het product van het resultaat voor belastingen en het toepasselijke belastingtarief 30
Toepasselijke belastingtarief (1) 32,61%
Fiscaal niet aftrekbare lasten 5
Fiscaal vrijgestelde opbrengsten (6)
Fiscale verliezen waarvoor geen uitgestelde belastingvordering werd opgenomen 36
Tegenboeking van aftrekbare tijdelijke verschillen waarvoor geen uitgestelde
belastingvordering werd erkend
(19)
Overige (3)
Winstbelastingen 43
Gemiddelde effectieve belastingtarief 46,74%

(1) HET TOEPASSELIJKE BELASTINGTARIEF IS HET GEWOGEN GEMIDDELDE BELASTINGTARIEF VAN DE ONDERNEMING EN AL HAAR GECONSOLIDEERDE DOCHTERONDERNEMINGEN.

12.3 UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN

De uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen kunnen als volgt worden toegewezen:

31 december 2014 31 december 2013
MILJOEN EURO Activa Verplichtingen Netto Activa Verplichtingen Netto
Immateriële activa 69 30 39 97 32 65
Materiële vaste activa 9 20 (11) 9 20 (11)
Investeringen 2 - 2 2 - 2
Voorraden 16 6 10 19 11 8
Vorderingen 3 2 1 3 4 (1)
Voorzieningen en verplichtingen wegens
vergoedingen na uitdiensttreding
32 1 31 27 61 (34)
Andere vlottende activa & overige verplichtingen 7 2 5 6 2 4
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen
met betrekking tot tijdelijke verschillen
138 61 77 163 130 33
Niet-gecompenseerde fiscale verliezen 69 - 69 105 - 105
Ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden 4 - 4 4 - 4
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen
voor saldering
211 61 150 272 130 142
Saldering (38) (38) - (77) (77) -
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen 173 23 150 195 53 142

Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden gecompenseerd als ze betrekking hebben op winstbelastingen geheven door dezelfde belastingautoriteit.

12.4 NIET-OPGENOMEN UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN

Voor de niet-gecompenseerde fiscale verliezen, de ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden en tijdelijke verschillen werden geen uitgestelde belastingvorderingen opgenomen voor onderstaande bedragen omdat het niet waarschijnlijk is dat er toekomstige fiscale winst beschikbaar zal zijn waarmee deze kunnen worden verrekend:

  • niet-gecompenseerde fiscale verliezen: 304 miljoen euro (2013: 278 miljoen euro);
  • ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden: 34 miljoen euro (2013: 38 miljoen euro);
  • tijdelijke verschillen: 309 miljoen euro (2013: 259 miljoen euro).

De evolutie van de herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregeling (IAS 19R) heeft een belangrijk effect gehad op de nietopgenomen uitgestelde belastingvorderingen op tijdelijke verschillen. De impact van de betreffende wijziging bevindt zich in entiteiten waarvoor het management van de Groep geoordeeld heeft dat er onvoldoende zekerheid is dat de betreffende belastingbesparing zal kunnen gerealiseerd worden. De niet-opgenomen uitgestelde belastingvordering met betrekking tot de impact van de 2011 aanpassing van IAS 19 en de daaropvolgende herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregeling bedraagt 171 miljoen euro en zou een impact hebben in de niet-gerealiseerde resultaten indien opgenomen.

De impact van de uitgestelde belastingvordering op de ongebruikte tijdelijke verschillen, de ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden en de niet-gecompenseerde fiscale verliezen vervalt als volgt:

MILJOEN EURO Tijdelijke
verschillen
Fiscale verliezen Belastingkredieten TOTAAL
Vervalt in
2015 - 1 - 1
2016 - - - -
2017 - 5 1 6
2018 - 1 13 14
2019 - 1 - 1
na - 4 1 5
Zonder vervaldag 309 292 19 620
TOTAAL 309 304 34 647

12.5 BEWEGING IN TIJDELIJKE VERSCHILLEN GEDURENDE 2013-2014

MILJOEN EURO 31 december 2012 Wijziging in consolidatiekring Verschillen opgenomen in winst
en verliesrekening
Opgenomen in het eigen
vermogen
Valutakoersverschillen 31 december 2013 Wijziging in consolidatiekring Verschillen opgenomen in winst
en verliesrekening
Opgenomen in het eigen
vermogen
Valutakoersverschillen 31 december 2014
Immateriële activa 70 - (5) - - 65 - (26) - - 39
Materiële vaste activa (15) - 2 - 2 (11) - 1 - (1) (11)
Investeringen 8 - (7) - 1 2 - - - - 2
Voorraden 3 - 6 - (1) 8 - 2 - - 10
Vorderingen (2) - 2 - (1) (1) - 2 - - 1
Voorzieningen en verplichtingen wegens
vergoedingen na uitdiensttreding
(16) - (19) - 1 (34) - 59 6 - 31
Andere vlottende activa & overige verplichtingen 9 - (2) - (3) 4 - 1 (1) 1 5
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen
met betrekking tot tijdelijke verschillen
57 - (23) - (1) 33 - 39 5 - 77
Niet-gecompenseerde fiscale verliezen 111 - (2) (2) (2) 105 - (39) 1 2 69
Ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden 5 - (1) - - 4 - - - - 4
Uitgestelde belastingvorderingen en
-verplichtingen
173 - (26) (2) (3) 142 - - 6 2 150

De uitgestelde belastingvordering op de voorzieningen en verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding die opgenomen zijn in het eigen vermogen hebben betrekking op de herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregeling (IAS 19R). De grondslag voor financiële verslaggeving voor de opname van de uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot deze herwaarderingen is uitgelegd in toelichting 3.15.2.1.

13. IMMATERIËLE ACTIVA

Immateriële
activa met
Immateriële activa met een beperkte gebruiksduur
onbepaalde
gebruiksduur
MILJOEN EURO Goodwill Merknamen ontwikkelingskosten
Geactiveerde
Technologie Cliëntencontracten en
-relaties
Merknamen informatiesystemen
Management
rechten en andere licenties
-
Industriële eigendoms
Vooruitbetalingen op
immateriële activa
TOTAAL
Aanschaffingswaarde per 31 december 2012 612 17 42 216 106 13 107 69 1 1.183
Valutakoersverschillen (21) - - (3) (1) - (2) - - (27)
Wijziging in consolidatiekring - - - - - - - - - -
Investeringsuitgaven - - - - - - 1 5 - 6
Buitengebruikstellingen - - - - - - - (3) - (3)
Overboekingen - - - - - - 3 1 (1) 3
Aanschaffingswaarde per 31 december 2013 591 17 42 213 105 13 109 72 - 1.162
Valutakoersverschillen 21 - - 1 2 1 5 - - 30
Wijziging in consolidatiekring - - - - - - - - - -
Investeringsuitgaven - - - - - - - 4 - 4
Buitengebruikstellingen - - - - - - (3) (10) - (13)
Overboekingen - - - - - - - 1 - 1
Aanschaffingswaarde per 31 december 2014 612 17 42 214 107 14 111 67 - 1.184
Geaccumuleerde afschrijvingen en
bijzondere waardeverminderingsverliezen
per 31 december 2012
92 4 35 155 73 7 101 62 - 529
Valutakoersverschillen (4) - 1 (3) (1) - (1) - - (8)
Wijziging in consolidatiekring - - - - - - - - - -
Afschrijvingen van het jaar - - 3 10 4 1 3 4 - 25
Bijzondere waardeverminderingsverliezen - - - - - - - - - -
Buitengebruikstellingen - - - - - - - (2) - (2)
Overboekingen - - - - - - - - - -
Geaccumuleerde afschrijvingen en
bijzondere waardeverminderingsverliezen
per 31 december 2013
88 4 39 162 76 8 103 64 - 544
Valutakoersverschillen 4 - - 1 2 - 4 - - 11
Wijziging in consolidatiekring - - - - - - - - - -
Afschrijvingen van het jaar - - 3 10 4 1 3 2 - 23
Bijzondere waardeverminderingsverliezen - - - - - - - - - -
Buitengebruikstellingen - - - - - - (3) (6) - (9)
Overboekingen - - - - - - - - - -
Geaccumuleerde afschrijvingen en
bijzondere waardeverminderingsverliezen
per 31 december 2014
92 4 42 173 82 9 107 60 - 569
Boekwaarde per 31 december 2012 520 13 7 61 33 6 6 7 1 654
Boekwaarde per 31 december 2013 503 13 3 51 29 5 6 8 - 618
Boekwaarde per 31 december 2014 520 13 0 41 25 5 4 7 - 615

In 2014 bedragen de investeringsuitgaven voor immateriële activa 4 miljoen euro (2013: 6 miljoen euro). De investeringen in immateriële activa zoals weergegeven in het geconsolideerde kasstroomoverzicht bedragen 1 miljoen euro (2013: 2 miljoen euro).

Het verschil van 3 miljoen euro (2013: 4 miljoen euro) betreft toegekende warmtekrachtcertificaten en emissierechten die niet resulteerden in kasuitgaven.

Op het einde van 2014 en 2013 heeft de Groep haar goodwill en immateriële activa met onbepaalde gebruiksduur, zijnde merknamen volledig toegewezen aan het operationele segment Agfa HealthCare, getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. Er waren echter geen indicaties tot mogelijke bijzondere waardevermindering. Bovendien heeft de Groep onderzocht of er een indicatie was die wijst op een mogelijke bijzondere waardevermindering voor de immateriële activa met beperkte gebruiksduur. Dit resulteerde niet in het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies.

Het management van de Groep heeft op het einde van 2014 beoordeeld of de gebruiksduur van haar belangrijkste immateriële activa nog terecht is. Dit resulteerde niet in een herziening van de afschrijvingstermijnen. In rubriek 13.2 worden de onderliggende veronderstellingen van de gebruiksduur verder toegelicht.

13.1 ONDERZOEK OP BIJZONDERE WAARDEVERMINDERING VAN GOODWILL

Voor de jaarrekening van de Groep wordt de goodwill jaarlijks onderzocht op bijzondere waardevermindering en telkens er een aanwijzing is die wijst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. In het kader van het onderzoek op bijzondere waardevermindering is goodwill toegerekend aan een kasstroomgenererende eenheid.

In overeenstemming met de definitie van kasstroomgenererende eenheid heeft het management van de Groep, de te rapporteren segmenten als kasstroomgenererende eenheden geïdentificeerd, zijnde Agfa Graphics, Agfa HealthCare en Agfa Specialty Products. Het te rapporteren segment vertegenwoordigt het laagste niveau binnen de Groep waarop goodwill opgevolgd wordt voor interne managementdoeleinden.

Goodwill wordt getoetst voor bijzondere waardevermindering door vergelijking van de boekwaarde van elke kasstroomgenererende eenheid met haar realiseerbare waarde. De realiseerbare waarde van de kasstroomgenererende eenheid is bepaald aan de hand van de berekende bedrijfswaarde.

De bedrijfswaarde wordt bepaald als de contante waarde van verwachte toekomstige kasstromen, welke worden afgeleid van de huidige langetermijnplanning van de Groep. De disconteringsvoet die gebruikt wordt in de bepaling van de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen is een disconteringsvoet die gebaseerd is op een gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC). De gewogen gemiddelde kapitaalkost is gebaseerd op deze van een gemiddelde marktparticipant van een groep van 'peers' waarbij een extra risicocomponent toegevoegd werd aan de kost van eigen vermogen. De kost van vreemd vermogen is gebaseerd op voorwaarden die vergelijkbare bedrijven voor hun langetermijnfinanciering zouden kunnen onderhandelen.

De disconteringsvoet is voor elke kasstroomgenerende eenheid afzonderlijk berekend op basis van de verhouding schuldgraad versus eigen vermogen van elke groep van 'peers'. De disconteringsvoet voor belastingen is afgeleid van de gewogen gemiddelde kapitaalkost bij wijze van iteratie.

Er dient tevens vermeld te worden dat de Groep het effect van gestegen zilverprijzen op haar financiële positie zal trachten te verlichten onder andere door verkoopprijsaanpassingen en door het nemen van kostenbesparingsmaatregelen, afhankelijk van de omvang van de grondstoffenprijsstijgingen, van de evolutie van de geldende muntkoersen en de algemene marktomstandigheden.

13.1.1 Kasstroomgenererende eenheid Agfa Graphics

Per 31 december 2014 omvat de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid Agfa Graphics goodwill ten belope van 35 miljoen euro.

Per jaareinde 2014 heeft de Groep de goodwill behorende tot de kasstroomgenererende eenheid Agfa Graphics getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. Rekening houdend met de gebruikte veronderstellingen is de bedrijfswaarde van de eenheid groter dan haar boekwaarde en is er geen bijzondere waardevermindering geboekt.

De bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid Agfa Graphics is bepaald op basis van kasstroomvoorspellingen over de komende vijf jaar. De kasstroomprognoses werden bepaald op basis van een formeel door de Raad van Bestuur goedgekeurd strategisch bedrijfsplan. Na vijf jaar wordt de residuele waarde van de kasstroomgenererende eenheid bepaald, rekening houdend met een groeivoet van 0,0% in de 'prepress'-activiteit, van 0,0% in de 'inkjet'-toepassingen en een groeivoet van 1,0% in de verpakkingsactiviteiten. De groeivoeten zijn afgeleid van beschikbare marktinformatie.

De belangrijkste veronderstellingen gebruikt in de beoordeling van een mogelijke bijzondere waardevermindering zijn bepaald door het management van het segment Agfa Graphics en zijn gebaseerd op prestaties uit het verleden en de verwachtingen betreffende marktontwikkeling.

Deze zijn als volgt:

  • gewogen gemiddelde kapitaalkost na belastingen: 6,30% (2013: 6,72%).
  • disconteringsvoet voor belastingen: 8,64% (2013: 8,35%).
  • groeivoet gehanteerd voor de berekening van de residuele waarde (na vijf jaar): 0,0% (2013: 0,0%) in de 'prepress'-activiteit, 0,0% (2013: 2,0%) in de 'inkjet'-toepassingen en 1,0% (2013: 0,0%) in de verpakkingsactiviteiten.
  • aluminium: 1.563 euro/Ton (2013: range tussen 1.538-1.654 euro/Ton).
  • zilverprijzen werden opgenomen volgens een range van 18-19 USD/Troz. (2013: 18-22,5 USD/Troz.).
  • wisselkoers US dollar/euro: 1,30 (2013: US dollar/euro: 1,30).
  • opbrengsten en brutowinstmarge: de opbrengsten en de brutowinstmarge reflecteren de verwachtingen van het management gebaseerd op ervaringen uit het verleden en rekening houdend met risico's specifiek voor het te rapporteren segment.

Er werd een sensitiviteitsanalyse uitgevoerd waarbij het effect onderzocht werd van een redelijkerwijs mogelijke wijziging van de gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC) op de bedrijfswaarde van de eenheid. De gevoeligheidsanalyse van veranderingen in de WACC is gebaseerd op een stijging van 100 basispunten. Op basis van voornoemde gevoeligheidsanalyse is het management ervan overtuigd dat een redelijkerwijs mogelijke wijziging in een belangrijke veronderstelling waarop management zijn bepaling van de realiseerbare waarde van de eenheid heeft gebaseerd, geen aanleiding zal geven tot het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies.

13.1.2 Kasstroomgenererende eenheid Agfa HealthCare

Per 31 december 2014 bedraagt de boekwaarde van de goodwill van de kasstroomgenererende eenheid Agfa HealthCare 485 miljoen euro.

Per jaareinde 2014 heeft de Groep de goodwill behorende tot de kasstroomgenererende eenheid Agfa HealthCare getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. Rekening houdend met de gebruikte veronderstellingen is de bedrijfswaarde van de eenheid groter dan haar boekwaarde en is er geen bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt.

De bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid Agfa HealthCare wordt bepaald op basis van kasstroomvoorspellingen over de komende vijf jaar. De kasstroomprognoses werden bepaald op basis van een formeel door de Raad van Bestuur goedgekeurd strategisch bedrijfsplan. Na vijf jaar wordt de residuele waarde van de kasstroomgenererende eenheid bepaald, rekening houdend met een groeivoet voor de divisie Information Technology Solutions (IT-oplossingen) van 2% en een groeivoet voor de divisie Imaging Systems van 1,03%. De groeivoeten zijn afgeleid van beschikbare marktinformatie.

De belangrijkste veronderstellingen gebruikt in de beoordeling van een mogelijke bijzondere waardevermindering zijn bepaald door het management van het te rapporteren segment Agfa HealthCare en zijn gebaseerd op prestaties uit het verleden en de verwachtingen betreffende marktontwikkeling.

Deze zijn als volgt:

  • gewogen gemiddelde kapitaalkost na belastingen: 8,29% (2013: 9,43%).
  • disconteringsvoet voor belastingen: 10,61% (2013: 11,91%).
  • groeivoet gehanteerd voor de berekening van de residuele waarde (na vijf jaar): 2% voor IT-oplossingen (2013: 2,06%) en 1,03% voor Imaging Systems (2013: -2,28%).
  • zilverprijzen werden opgenomen volgens een range van 18-19 USD/Troz. (2013: range tussen 18-22,5 USD/Troz.).
  • wisselkoers US dollar/euro: 1,30 (2013: US dollar/euro: 1,30).
  • opbrengsten en brutowinstmarge: de opbrengsten en de brutowinstmarge reflecteren de verwachtingen van het management gebaseerd op ervaringen uit het verleden en rekening houdend met risico's specifiek voor het te rapporteren segment.

Er werd een sensitiviteitsanalyse uitgevoerd waarbij het effect onderzocht werd van een redelijkerwijs mogelijke verhoging van de gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC) met 100 basispunten. Op basis van voornoemde gevoeligheidsanalyse is het management ervan overtuigd dat een redelijkerwijs mogelijke wijziging in een belangrijke veronderstelling waarop management zijn bepaling van de realiseerbare waarde van de eenheid heeft gebaseerd, geen aanleiding zal geven tot het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies.

13.1.3 Kasstroomgenererende eenheid Agfa Specialty Products

Per 31 december 2014 omvat de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid Agfa Specialty Products geen goodwill.

13.2 GEBRUIKSDUUR VAN IMMATERIËLE ACTIVA MET EEN BEPERKTE GEBRUIKSDUUR

De gebruiksduur van een immaterieel actief is de periode waarin het actief verwacht wordt bij te dragen, op een directe of op een indirecte wijze, tot de toekomstige kasstromen van de Groep. Verworven technologie en cliëntencontracten en -relaties zijn de meest belangrijke immateriële activa van de Groep.

Voor verworven technologie is de schatting van de resterende gebruiksduur gebaseerd op een analyse van factoren zoals typische productlevenscycli in de industrie en technologische en economische veroudering voortkomende hoofdzakelijk uit verwachte acties van concurrenten en potentiële concurrenten.

Op 31 december 2014 bedroeg de nettoboekwaarde van de door de Groep verworven technologie 41 miljoen euro (2013: 51 miljoen euro). De door de Groep verworven technologie heeft een geschatte gewogen gemiddelde resterende gebruiksduur van ongeveer tien jaar. De gebruiksduur van immateriële activa wordt regelmatig beoordeeld en herzien indien noodzakelijk.

Voor verworven cliëntencontracten en -relaties is de schatting van de resterende gebruiksduur gebaseerd op ratio's die het verval van cliëntenrelaties weergeven. Voor de schatting van dergelijke ratio's beoordeelt de Groep de waarschijnlijkheid dat bestaande contracten worden hernieuwd. Voor de beoordeling van de waarschijnlijkheid dat bestaande contracten worden hernieuwd, worden de vraag, de concurrentie en andere factoren zoals technologische afhankelijkheid en daarmee verband houdende 'sunk costs' in overweging genomen.

Op 31 december 2014 bedroeg de nettoboekwaarde van de door de Groep verworven cliëntencontracten en -relaties 25 miljoen euro (2013: 29 miljoen euro). De door de Groep verworven cliëntencontracten en -relaties hebben een geschatte gewogen gemiddelde resterende gebruiksduur van ongeveer negen jaar. De gebruiksduur van immateriële activa wordt regelmatig beoordeeld en herzien indien noodzakelijk.

Hoewel de Groep van oordeel is dat de gebruikte veronderstellingen (zoals de productlevenscycli en de ratio's die het verval van cliëntenrelaties weergeven) geschikt zijn, kunnen belangrijke verschillen in actuele ervaring een impact hebben op de toekomstige afschrijvingslast voor de Groep.

14. MATERIËLE VASTE ACTIVA

MILJOEN EURO Terreinen,
gebouwen en
infrastructuur
Machines en
technische
uitrusting
Meubilair en
overige
materiële
vaste activa
Vaste activa in
aanbouw en
vooruit
betalingen op
materiële
vaste activa
TOTAAL
Aanschaffingswaarde per 31 december 2012 359 1.526 229 16 2.130
Valutakoersverschillen (6) (15) (6) (1) (28)
Wijziging in consolidatiekring - - - - -
Investeringsuitgaven 2 11 10 16 39
Buitengebruikstellingen (2) (20) (8) (1) (31)
Overboekingen - 13 - (17) (4)
Aanschaffingswaarde per 31 december 2013 353 1.515 225 13 2.106
Valutakoersverschillen 7 27 4 0 38
Wijziging in consolidatiekring - - - - -
Investeringsuitgaven 2 10 11 14 37
Buitengebruikstellingen (3) (30) (30) (1) (64)
Overboekingen 1 7 2 (11) (1)
Aanschaffingswaarde per 31 december 2014 360 1.529 212 15 2.116
Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere
waardeverminderingsverliezen per 31 december 2012
257 1.391 205 - 1.853
Valutakoersverschillen (4) (13) (5) - (22)
Wijziging in consolidatiekring - - - - -
Afschrijvingen van het jaar 8 36 11 - 55
Bijzondere waardeverminderingsverliezen 6 - - - 6
Buitengebruikstellingen (2) (18) (8) - (28)
Overboekingen - - - - -
Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere
waardeverminderingsverliezen per 31 december 2013
265 1.396 203 - 1.864
Valutakoersverschillen 4 24 4 - 32
Wijziging in consolidatiekring - - - - -
Afschrijvingen van het jaar 7 29 11 - 47
Teruggenomen bijzondere
waardeverminderingsverliezen
- (1) - - (1)
Buitengebruikstellingen (2) (30) (28) - (60)
Overboekingen - - - - -
Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere
waardeverminderingsverliezen per 31 december 2014
274 1.418 190 - 1.882
Boekwaarde per 31 december 2012 102 135 24 16 277
Boekwaarde per 31 december 2013 88 119 22 13 242
Boekwaarde per 31 december 2014 86 111 22 15 234

In 2014 bedroegen de investeringsuitgaven voor materiële vaste activa 37 miljoen euro (2013: 39 miljoen euro), waarvan 14 miljoen euro (2013: 16 miljoen euro) voornamelijk betrekking heeft op activa in aanbouw voor efficiëntieverhogende en IT gerelateerde projecten in de productie in België, Duitsland, Frankrijk en Brazilië.

De investeringen in materiële vaste activa zoals weergegeven in het geconsolideerde kasstroomoverzicht bedragen 36 miljoen euro. Het verschil van 1 miljoen euro betreft activa getransfereerd uit voorraad die niet resulteerden in kasuitgaven.

De Groep, als leasinggever, heeft ook een aantal activa onder operationele lease in haar balans opgenomen onder de rubriek 'Overige materiële vaste activa'.

Per eind december 2014 bedroeg de nettoboekwaarde van de materiële vaste activa onder operationele lease 3 miljoen euro (2013: 1 miljoen euro).

De minimale leasebetalingen onder niet-opzegbare operationele lease-overeenkomsten worden weergegeven in toelichting 25.

15. INVESTERINGEN

MILJOEN EURO 2014 2013
Tot einde looptijd aangehouden beleggingen - -
Financiële activa gewaardeerd aan reële waarde met verwerking
van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening
2 2
Voor verkoop beschikbare financiële activa 13 7
Leningen en vorderingen 1 1
Investeringen in geassocieerde deelnemingen en overige investeringen 1 1
TOTAAL 17 11

Voor verkoop beschikbare financiële activa omvatten beleggingen en investeringen, andere dan investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode, en worden geboekt aan reële waarde, met uitzondering van de aandelen die niet op een actieve markt zijn genoteerd en waarvoor de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan worden bepaald.

Per 31 december 2014 omvat de categorie voor verkoop beschikbare financiële activa, investeringen in genoteerde ondernemingen en een belegging in een obligatiefonds. Deze activa zijn geboekt aan reële waarde.

Financiële activa gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening omvatten aandelen in een beleggingsmaatschappij en werden bij eerste opname specifiek toegewezen aan deze categorie van financiële activa.

Veranderingen in de reële waarde van zowel het financieel actief als de daarmee samenhangende verplichting worden beide opgenomen in de winst- en verliesrekening.

16. VOORRADEN

MILJOEN EURO 2014 2013
Grond- en hulpstoffen 74 86
Goederen in bewerking en halfafgewerkte producten 112 107
Afgewerkte producten 50 52
Handelsgoederen inclusief wisselstukken 212 230
Goederen onderweg en andere voorraden 64 67
TOTAAL 512 542

De afwaarderingen van de voorraden naar opbrengstwaarde bedroegen 22 miljoen euro in 2014 (2013: 25 miljoen euro). In de geconsolideerde winst- en verliesrekening zijn de afwaarderingen in de kostprijs van verkopen verwerkt.

Op 31 december 2014 heeft de Groep geen voorraden gewaardeerd aan reële waarde minus verkoopkosten.

17. HANDELSVORDERINGEN, OVERIGE VORDERINGEN EN OVERIGE VLOTTENDE ACTIVA

MILJOEN EURO 2014 2013
Handelsvorderingen 538 585
Overige vorderingen en overige activa 120 126
Invorderbare minimale leasebetalingen 79 84
Overige financiële activa 21 24
Overige activa 20 18

Overige vorderingen en overige vlottende activa zoals gepresenteerd in de geconsolideerde balans ten belope van 120 miljoen euro (2013: 126 miljoen euro), omvatten: invorderbare minimale leasebetalingen ten belope van 79 miljoen euro (2013: 84 miljoen euro), overige financiële activa ten belope van 21 miljoen euro (2013: 24 miljoen euro) en overige activa ten belope van 20 miljoen euro (2013: 18 miljoen euro).

De blootstelling aan het kredietrisico uit handelsvorderingen van de Groep wordt beschreven in toelichting 7.

Aangezien de Groep over een brede klantenportefeuille beschikt, waren er in 2014 geen significante concentraties van kredietrisico. Verdere informatie met betrekking tot het maximale kredietrisico per categorie van financiële activa wordt verschaft in toelichting 7.

17.1 INVORDERBARE MINIMALE LEASEBETALINGEN

Lease-overeenkomsten waarbij de tegenpartij, de leasingnemer, als economische eigenaar van het actief wordt beschouwd, worden opgenomen als vordering voor een bedrag gelijk aan de contante waarde van de toekomstige minimale leasebetalingen. De contante waarden van de toekomstige minimale leasebetalingen bedroegen 81 miljoen euro (2013: 85 miljoen euro) per 31 december 2014 en zullen tot aan het einde van de leaseperiode financieringsbaten voor een bedrag van 8 miljoen euro genereren (2013: 9 miljoen euro). Per 31 december 2014 bedroegen de waardeverminderingen op deze vorderingen 2 miljoen euro (2013: 1 miljoen euro).

De minimale leasebetalingen zijn als volgt:

2014 2013
MILJOEN EURO Totaal van de
toekomstige
minimale
leasebetalingen
Contante
Onverdiende
waarde van de
financierings
toekomstige
baten
minimale lease
betalingen
Totaal van de
Onverdiende
toekomstige
financierings
minimale
baten
leasebetalingen
Contante
waarde van de
toekomstige
minimale lease
betalingen
Niet later dan één jaar 37 4 33 37 4 33
Later dan één jaar en
niet later dan vijf jaar
52 4 48 56 5 51
Later dan vijf jaar - - - 1 - 1
TOTAAL 89 8 81 94 9 85

De Groep sluit voor bepaalde uitrusting financiële lease-overeenkomsten af voornamelijk via Agfa Finance (zijnde Agfa Finance NV, haar filialen, Agfa Finance Corp. en Agfa Finance Inc.) en via Agfa-verkooporganisaties in Latijns-Amerika, Nieuw-Zeeland en Australië.

Bij het aangaan van de lease-overeenkomst bedraagt de contante waarde van de minimale leasebetalingen doorgaans minstens 90% van de reële waarde van de activa die onder een financiële lease worden aangehouden.

Het overgrote deel van de lease-overeenkomsten afgesloten met Agfa Finance hebben een niet-opzegbare leaseperiode van vier jaar. Meestal voorzien de overeenkomsten in een koopoptie voor het actief na het verstrijken van de leaseperiode aan een waarde die doorgaans tussen de 2% en 5% van de bruto-investering bij het afsluiten van de lease-overeenkomst bedraagt. In sommige gevallen wordt de reële waarde van het actief terugbetaald door middel van een koopverplichting voor verbruiksgoederen aan een hogere waarde dan hun marktwaarde. In dit geval dient de toeslag hoog genoeg te zijn om het initieel door de leasinggever geïnvesteerde bedrag te dekken. In deze overeenkomsten kan de toeslag en/of de leaseperiode veranderd worden.

Agfa Finance biedt haar diensten aan via haar dochterondernemingen in Frankrijk en Italië en via haar bijkantoren in Europa (Spanje, Zwitserland, Benelux, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en de Scandinavische landen) en Japan, via Agfa Finance Corp. in de Verenigde Staten en Agfa Finance Inc. in Canada. Per 31 december 2014 bedroeg de contante waarde van de minimale leasebetalingen 78 miljoen euro (2013: 82 miljoen euro).

Agfa-verkooporganisaties in Brazilië, Argentinië, Colombië, Mexico, Peru, Chili, Australië en Nieuw-Zeeland bieden hun klanten financiering aan voor grafische uitrusting met een gemiddelde resterende leaseperiode van twaalf maanden. Per 31 december 2014 bedroeg de contante waarde van de minimale leasebetalingen 3 miljoen euro (2013: 2 miljoen euro).

In 2014 heeft de Groep een deel van de leaseportfolio ter waarde van 11 miljoen euro verkocht (2013: 8 miljoen euro).

18. GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN

De geldmiddelen en kasequivalenten omvatten de volgende bestanddelen:

MILJOEN EURO 2014 2013
Effecten beschikbaar voor verkoop 24 -
Kas, depositorekeningen en cheques 172 126
Onderpand voor derivaten (metal swaps) 3 13
Overige kas, depositorekeningen en cheques 169 113
Geldmiddelen en kasequivalenten zoals gerapporteerd in de geconsolideerde balans 196 126
Vorderingen ingevolge liquiditeitsovereenkomst (in de balans opgenomen onder de rubriek
'Overige vorderingen')
- -
Schulden ingevolge liquiditeitsovereenkomst (in de balans opgenomen onder de rubriek
'Overige verplichtingen')
(2) (1)
Geldmiddelen en kasequivalenten zoals weergegeven in het geconsolideerd kasstroomoverzicht 194 125

19. EIGEN VERMOGEN

De diverse componenten van het eigen vermogen evenals de wijzigingen tussen 1 januari 2013 en 31 december 2014 worden weergegeven in de Geconsolideerde Staat van het Eigen Vermogen.

19.1 MAATSCHAPPELIJK KAPITAAL EN UITGIFTEPREMIE

Op 31 december 2014 bedraagt het maatschappelijk kapitaal van de Onderneming 187 miljoen euro, verdeeld over 171.851.042 volstorte gewone aandelen zonder nominale waarde.

19.2 INGEKOCHTE EIGEN AANDELEN

De reserve voor eigen aandelen bevat de kostprijs van de ingekochte eigen aandelen. Per 31 december 2014 hield de Groep 4.099.852 (2013: 4.099.852) eigen aandelen aan.

Noch in 2014, noch in 2013 werden er aandelenopties uitgeoefend.

19.3 REËLE WAARDERESERVE

De reële waardereserve bevat voornamelijk de herwaardering van de deelneming van de Groep in Digital Illustrate Inc, aangeduid als financieel actief beschikbaar voor verkoop.

19.4 AFDEKKINGSRESERVE

Per 31 december 2014 bevat de afdekkingsreserve het effectief gedeelte van de veranderingen in reële waarde van 'metal swap'-overeenkomsten en van termijnwisselcontracten aangeduid als kasstroomafdekkingen.

Gedurende 2014 en 2013 heeft de Groep een aantal 'metal swap'-overeenkomsten afgesloten met een investeringsbank. Deze contracten werden aangeduid als kasstroomafdekkingen van het risico op prijsschommelingen van de grondstoffen welke zeer waarschijnlijk zullen worden aangekocht. Het betreft contracten die zijn afgesloten voor de levering van grondstoffen in overeenstemming met het verwachte verbruik van de Groep. Het deel van de winsten (verliezen) op de swap-overeenkomsten, dat effectief gebleken is, werd geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten (31 december 2014: min 7 miljoen euro; 31 december 2013: min 10 miljoen euro).

In de loop van 2014 en 2013 duidde de Groep termijnwisselcontracten aan als kasstroomafdekkingen van het vreemde-valutarisico in US dollar en pond sterling met betrekking tot zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen in die respectieve munten voor de volgende 12 maanden. Het deel van de winsten op de termijnwisselcontracten, dat effectief gebleken is (31 december 2014: min 4 miljoen euro; 31 december 2013: 0 miljoen euro), werd geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten.

19.5. HERWAARDERING VAN DE NETTOVERPLICHTING UIT HOOFDE VAN DE TOEGEZEGDPENSIOENREGELINGEN

De herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregelingen bevat zowel de impact van de eerste toepassing van de aanpassing aan IAS 19 (herzien 2011) als alle erop volgende herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregelingen.

Herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregelingen hebben voornamelijk betrekking op actuariële winsten en verliezen en het rendement op fondsbeleggingen, exclusief de bedragen die vervat zitten in intrestopbrengsten op de toegezegdpensioenregelingen.

31 december 2013 Herwaardering van de netto
verplichting van toegezegd
pensioenregelingen
verplichting van toegezegd
betrekking tot beëindigde
waardering van de netto
pensioenregelingen met
Herklassering van her
plannen
Winstbelastingen 31 december 2014
MILJOEN EURO TOELICHTING 20.1.2 TOELICHTING 12.5
Herwaardering van de nettoverplichting uit
hoofde van toegezegdpensioenregelingen
Met betrekking tot materiële landen (601) (289) - 6 (884)
Met betrekking tot niet-materiële landen (16) (10) 5 - (21)
TOTAAL (617) (299) 5 6 (905)

De evolutie over het jaar 2014 wordt weergegeven in de volgende tabel.

De evolutie van het jaar, na winstbelastingen bedraagt min 293 miljoen euro. Uitgestelde belastingen met betrekking tot de herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregelingen worden eveneens geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten. Het effect van winstbelastingen wordt toegelicht in toelichting 12.5.

Gedurende het jaar werd er een bedrag van 5 miljoen euro geherklasseerd uit de post 'Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen' naar de post 'Ingehouden winsten'. Het betreft een herklassering van de herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen van een plan dat gesloten werd gedurende 2013.

19.6 VALUTAKOERSVERSCHILLEN

De valutakoersverschillen bevatten zowel de valutakoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van de jaarrekeningen van buitenlandse activiteiten, als de valutakoersverschillen afkomstig uit de omrekening van de verplichting die de netto-investering van de Onderneming in een buitenlandse entiteit afdekt. De Groep maakt gebruik van termijnwisselverrichtingen uitgedrukt in US dollar om het valutarisico met betrekking tot de netto-investering in één van haar dochterondernemingen in de Verenigde Staten af te dekken (zie toelichting 7.1.3).

19.7 DIVIDENDEN

In 2013 werd er geen dividend uitbetaald naar aanleiding van de beslissing van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van Agfa-Gevaert NV van 14 mei 2013. In 2014 werd er geen dividend uitbetaald naar aanleiding van de beslissing van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van Agfa-Gevaert NV van 13 mei 2014. Voor 2015 wordt er geen betaling van dividend voorgesteld door de Raad van Bestuur.

19.8 MINDERHEIDSBELANGEN

Met ingang van 1 september 2010 bundelden Agfa Graphics NV en haar zakenpartner Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. hun activiteiten gericht op het versterken van de marktpositie van beide partners in Groot-China en de ASEAN-regio. Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd houdt een participatie aan van 49% in Agfa Graphics Asia, de holding van de gecombineerde activiteiten van beide partijen. Op basis van de analyse van de 'Governance' structuren die momenteel van kracht zijn, heeft de Groep geoordeeld dat ze controle heeft over de desbetreffende dochterondernemingen. Het geaccumuleerde minderheidsbelang toewijsbaar aan

Shenzhen Brother bedraagt 52 miljoen euro. De winst over het boekjaar toewijsbaar aan minderheidsbelangen van deze zakenpartner bedraagt 9 miljoen euro.

De stijging in de minderheidsbelangen wordt verklaard door het deel van de winst van het jaar dat toebehoort aan de minderheidsbelangen alsook het deel van de valutakoersverschillen. In de loop van 2014 werd een dividend van 5 miljoen euro betaald aan Shenzhen Brother.

De volgende tabel geeft de financiële informatie weer voor de dochterondernemingen waarin de zakenpartner Shenzhen Brother een minderheidsbelang aanhoudt van 49%, opgesteld in overeenstemming met IFRS. De informatie is voor intercompany eliminaties met andere ondernemingen van de Agfa-Gevaert Groep.

MILJOEN EURO 2014 2013
Vlottende activa 103 78
Vaste activa 18 20
Kortlopende verplichtingen 15 12
Langlopende verplichtingen 1 1
Netto-activa Agfa Graphics Asia (geconsolideerd) 105 85
Netto-activa toewijsbaar aan minderheidsbelangen in Agfa Graphics Asia 52 42
Opbrengsten 133 166
Winst over het boekjaar 18 16
Winst over het boekjaar toewijsbaar aan minderheidsbelangen in Agfa Graphics Asia 9 8
Niet-gerealiseerde resultaten 15 5
Niet-gerealiseerde resultaten toewijsbaar aan minderheidsbelangen in Agfa Graphics Asia 8 2
Totaal van niet-gerealiseerde resultaten toewijsbaar aan minderheidsbelangen in Agfa Graphics Asia 17 10
Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten 33 1
Kasstromen uit investeringsactiviteiten - -
Kasstromen uit financieringsactiviteiten (9) (2)
Dividenden betaald aan minderheidsbelangen in het boekjaar (1) (5) -

(1) INBEGREPEN IN KASSTROMEN UIT FINANCIERINGSACTVITEITEN.

Toewijsbaar aan aandeelhouders van de
Onderneming
2014
MILJOEN EURO
koers
verschillen
Valuta
Afdekkingsreserve Reële waarde reserve Herwaardering van de
hoofde van toegezegd
nettoverplichting uit
pensioenregelingen
Ingehouden winsten TOTAAL Minderheidsbelangen GEREALISEERDE
TOTAAL NIET
RESULTATEN
Valutakoersverschillen voor buitenlandse activiteiten 24 - - - - 24 6 30
Nettowinst (verlies) op de afdekking van de netto-inves
tering in een buitenlandse activiteit, na winstbelastingen
(12) - - - - (12) - (12)
Effectief gedeelte van reële waardeveranderingen van
derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen, na
winstbelastingen
- (14) - - - (14) - (14)
Nettoverandering in de reële waarde van kasstroom
afdekkingen die is overgeboekt naar de winst
en verliesrekening, na winstbelastingen
- 5 - - - 5 - 5
Nettoverandering in de reële waarde van kasstroom
afdekkingen die is overgeboekt naar de initiële boek
waarde van het afgedekte aktief, na winstbelastingen
- 8 - - - 8 - 8
Reële waardeveranderingen van financiële activa
beschikbaar voor verkoop
- - - - - - - -
Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde
van toegezegdpensioenregelingen
- - - (293) - (293) - (293)
Niet-gerealiseerde resultaten na winstbelastingen 12 (1) - (293) - (282) 6 (276)

19.9 NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN NA WINSTBELASTINGEN

Toewijsbaar aan aandeelhouders van de
Onderneming
2013
MILJOEN EURO
koers
verschillen
Valuta
Afdekkingsreserve Reële waarde reserve Herwaardering van de
hoofde van toegezegd
nettoverplichting uit
pensioenregelingen
Ingehouden winsten TOTAAL Minderheidsbelangen GEREALISEERDE
TOTAAL NIET
RESULTATEN
Valutakoersverschillen voor buitenlandse activiteiten (37) - - - - (37) (1) (38)
Nettowinst (verlies) op de afdekking van de netto-inves
tering in een buitenlandse activiteit, na winstbelastingen
3 - - - - 3 - 3
Effectief gedeelte van reële waardeveranderingen van
derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen, na
winstbelastingen
- (20) - - - (20) - (20)
Nettoverandering in de reële waarde van kasstroom
afdekkingen die is overgeboekt naar de winst
en verliesrekening, na winstbelastingen
- - - - - - - -
Nettoverandering in de reële waarde van kasstroom
afdekkingen die is overgeboekt naar de initiële boek
waarde van het afgedekte aktief, na winstbelastingen
- 12 - - - 12 - 12
Reële waardeveranderingen van financiële activa
beschikbaar voor verkoop
- - 2 - - 2 - 2
Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde
van toegezegdpensioenregelingen
- - - 191 - 191 - 191
Niet-gerealiseerde resultaten na winstbelastingen (34) (8) 2 191 - 151 (1) 150

20. PERSONEELSBELONINGEN

20.1 VERPLICHTINGEN WEGENS VERGOEDINGEN NA UITDIENST-TREDING EN LANGETERMIJNONTSLAGVERGOEDINGEN

In de meeste landen waarin de Groep actief is, voorzien de ondernemingen van de Agfa-Gevaert Groep in vergoedingen na uitdiensttreding. Vergoedingen na uitdiensttreding worden toegekend onder de vorm van toegezegdebijdrageregelingen hetzij toegezegdpensioenregelingen.

Op 31 december 2014 bedroeg de totale nettoverplichting met betrekking tot vergoedingen na uitdiensttreding en langetermijnontslagvergoedingen van de Groep 1.267 miljoen euro (1.002 miljoen euro op 31 december 2013), opgebouwd als volgt:

MILJOEN EURO 31 december 2014 31 december 2013
Nettoverplichting in materiële landen 1.155 883
Nettoverplichting ontslagvergoedingen 66 80
Nettoverplichting in niet-materiële landen 46 39
TOTALE NETTOVERPLICHTING 1.267 1.002

De materiële landen van de Groep zijn: België, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten van Amerika.

Of een land van materieel belang is, wordt bepaald op basis van het bedrag van de pensioenkost van de periode. De materiële landen vertegenwoordigen meer dan 90% van de totale pensioenkost van de periode van de Groep.

20.1.1 Toegezegdebijdrageregelingen

In het geval van toegezegdebijdrageregelingen betalen de ondernemingen van de Agfa-Gevaert Groep bijdragen aan openbaar of privaat beheerde pensioen- of verzekeringsfondsen. Eenmaal de bijdrage wordt betaald, hebben de ondernemingen van de Groep geen verdere verplichtingen meer, met uitzondering van de mogelijke tekorten ten opzichte van de minimum rendementsgaranties op de Belgische pensioenplannen zoals hierna besproken. De periodieke bijdragen vormen een kost van het jaar waarin ze verschuldigd zijn. In 2014 bedroeg deze kost voor de toegezegdebijdrageregelingen in Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten van Amerika 5 miljoen euro (4 miljoen euro in 2013).

Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement

Belgische toegezegdebijdrageregelingen vallen onder toepassingsgebied van de Wet van 28 april 2003 op de aanvullende pensioenen, kort WAP genoemd. Volgens artikel 24 van deze wet is de werkgever verplicht een minimum rendement van 3,75% op de persoonlijke bijdragen van de werknemer en 3,25% op de bijdragen van de werkgever te garanderen. Artikel 24 van de WAP verplicht de werkgever om op datum van de beëindiging van het plan de bijdragen gekapitaliseerd aan voornoemde vooropgestelde rendementen te garanderen.

In de Groep worden alle Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement gefinancierd via verzekeringsmaatschappijen. De laatste jaren hebben de verzekeraars hun technische rentevoeten laten dalen. Onder technische rentevoet wordt het rendement, exclusief winstdeelname, dat een verzekeraar bereid is toe te zeggen bedoeld. Deze is over het algemeen lager dan de verplichte minimum rendementsgarantie zoals opgelegd in de wet. Vaak bereiken de verzekeringsmaatschappijen de wettelijke rendementsgarantie wanneer rekening wordt gehouden met de winstdeelnamereserve. Aangezien de werkgever verplicht wordt een minimum rendement te garanderen worden niet alle actuariële en investeringsrisico's overgedragen naar de verzekeringsmaatschappijen die deze plannen beheren. Bijgevolg voldoen deze plannen niet aan de definitie van toegezegdebijdrageregeling zoals opgenomen in IFRS en

worden ze als toegezegdpensioenregeling gerangschikt. IAS 19 Personeelsbeloningen behandelt echter niet de boekhoudkundige verwerking van pensioenplannen die voorzien in voordelen aan het personeel op basis van gewaarborgd rendement op de betaalde bijdragen.

Aangezien IFRS de boekhoudkundige behandeling van dit type van plannen niet behandelt, past het management voor de waardering van haar verplichting een methode op basis van intrinsieke waarde toe. Volgens deze methode wordt de verplichting per aangeslotene bepaald als het verschil tussen de wiskundige reserves, zijnde de reserves berekend door alle betaalde bijdragen te kapitaliseren aan de rentevoet zoals gegarandeerd door de verzekeraar, rekening houdend met de winstdeelnamereserve, en de minimumreserve berekend conform artikel 24 van de WAP. Deze beoordeling houdt eveneens rekening met aan betreffende plannen toewijsbare saldi van financieringsfondsen. Per 31 december 2014 omvat de beoordeling van het management van de intrinsieke waarde van de nettoverplichting een inschatting van de impact van de winstdeelname over 2014 daar de verzekeringsmaatschappijen de werkelijke winstdeelname pas op een later tijdstip kenbaar maken. Deze beoordeling heeft geen tekort aan het licht gebracht en bijgevolg werd er op 31 december 2013 en 2014 geen verplichting opgenomen. Bij de bepaling van de verplichting wordt uitsluitend rekening gehouden met de minimum rendementsgarantie tot aan de rapporteringsdatum. Daar de minimumgarantie ook voor de toekomst geldt, kan deze de toekomstige kasuitgaven beïnvloeden.

In 2014, betaalde de werkgever voor 12 miljoen euro aan bijdragen voor Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement. Ze worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. In 2013 betaalde de Groep tevens 12 miljoen euro en ze verwacht voor 2015 een gelijkaardig bedrag bij te dragen.

De technische rentevoet die verzekeringsmaatschappijen in 2014 hebben toegepast bedraagt tussen 1,75% en 3,25%, afhankelijk van het plan (ongewijzigd ten opzichte van 2013). Bepalende factoren in deze context zijn de datum waarop een werknemer toetreedt tot een plan en de periode waarop de betaalde bijdragen betrekking hebben. De Onderneming schat de wiskundige reserves per 31 december 2014 minstens even hoog als de verplichte minimumreserve per aangeslotene, weliswaar rekening houdend met winstdeelnamereserve en de aan betreffende plannen toewijsbare saldi van financieringsfondsen.

De Onderneming heeft toegezegdebijdrageregelingen extern verzekerd via drie verzekeringsmaatschappijen: Delta Lloyd, Axa en AG Insurance. De karakteristieken van de plannen met bijhorende toegezegde rendementen worden hierna meer in detail toegelicht.

  • Delta Lloyd 'Top Performance' plannen: Deze plannen voorzien in uitgestelde compensatie voor bonussen toegekend voor werknemers van Agfa-Gevaert NV, Agfa Graphics NV, Agfa HealthCare NV en Agfa Finance NV Bijdragen worden uitsluitend betaald door de werkgever. Tot 31 december 2012 garandeert de verzekeringsmaatschappij een minimum rendement van 3,25%. Voor premies betaald vanaf 1 januari 2013 werd het gegarandeerd rendement verlaagd tot 2%, mogelijks verhoogd met winstdeelname. Voor 2013 heeft Delta Lloyd voor de Top Performance plannen in totaal een rendement van 3,25% toegekend. Per 31 december 2013 en 2014 is er geen financieringstekort.
  • Axa: Bij AXA, heeft de Groep twee plannen:
  • een pensioenplan voor werknemers van Agfa HealthCare NV locatie in Gent; en • een pensioenplan voor kaderleden.

Beide plannen worden volledig gefinancierd met werkgeversbijdragen. Voor deze twee plannen, geldt een minimumgarantie, inclusief winstdeelname, van 3,25%. Een minimumgarantie van 1,75%, mogelijks verhoogd met winstdeelname, is geldig voor nieuwe aansluitingen en voor de bijkomende verhogingen van premies vanaf

1 januari 2013. Over 2013 heeft Axa voor de twee plannen samen 3,25% rendement gegeven. Per 31 december 2013 en 2014 is er geen financieringstekort.

  • AG Insurance: Bij AG Insurance heeft de Groep twee plannen • een groepsverzekering voor kaderleden van Agfa-Gevaert NV, Agfa HealthCare NV,
  • Agfa Graphics NV en Agfa Finance NV; en

• een groepsverzekering voor werknemers van Agfa HealthCare NV, voorheen beheerd via het pensioenfonds 'A2P', die in de loop van 2014 bij AG Insurance werd ondergebracht.

De groepsverzekering voor kaderleden wordt gefinancierd met zowel werkgevers als werknemersbijdragen. De groepsverzekering voor de werknemers van Agfa HealthCare NV wordt echter volledig met werkgeversbijdragen gefinancierd. Voor premies betaald tot 2013 voor de groepsverzekering voor kaderleden garandeert de verzekeringsmaatschappij een rendement, exclusief winstdeelname van 3,25% op zowel werkgevers als werknemersbijdrage. Echter, voor alle nieuwe aansluitingen en voor de bijkomende verhogingen van premies past AG Insurance vanaf 1 januari 2013 een minimumgarantie van 1,75%, mogelijks verhoogd met winstdeelname, toe. Voor het groepsverzekeringsplan voor werknemers van Agfa HealthCare NV heeft de verzekeringsmaatschappij voor zowel de getransfereerde reserves als de bijdragen betaald in 2014 een minimum rendement van 2,25% toegekend.

Voor beide plannen heeft de verzekeringsmaatschappij toegezegd om tot 2016 toch minstens 3,25% te waarborgen, rekening houdend met de winstdeelname. Over 2013 heeft AG Insurance voor het groepsverzekeringsplan voor kaderleden 3,25% rendement gegeven. Per 31 december 2013 en 2014 is er geen financieringstekort.

Volgende tabel geeft meer kwantitatieve informatie rond de waardering van de verplichting, de financieringssituatie en de gemiddelde resterende looptijd (in jaren), op 31 december 2014.

MILJOEN EURO Benaming van het plan Som van de
wiskundige
reserves
Wettelijke
minimum
reserve
Som van de
financierings
tekorten per
aangeslotene
Bestaan van een
buffer via een
financierings
fonds
JA/NEE
Gemiddelde
resterende
looptijd
(in jaren)
Delta Lloyd Top Performance Plan 41 40 - NEE 14,79
Axa Pensioenplan voor werknemers van
Agfa HealthCare NV - locatie in Gent
2 2 - JA 23,26
Axa Pensioenplan voor kaderleden 1 1 - JA 14,25
AG Insurance Groepsverzekering voor kaderleden 87 77 - JA 10,15
AG Insurance Groepsverzekering voor werknemers
van Agfa HealthCare NV (vroegere
A2P-plan)
19 16 - JA 17,21

Voor elk van de plannen bedraagt het financieringstekort per aangeslotene samen minder dan 0,1 miljoen euro, volledig gecompenseerd door de verwachte winstdeelname over 2014 en de aan betreffende plannen toewijsbare saldi van financieringsfondsen.

20.1.2 Toegezegdpensioenregelingen

De toegezegdpensioenregelingen van de Groep omvatten pensioenregelingen en andere lange diensttijd personeelsbeloningen. Andere langediensttijdpersoneelsbeloningen hebben voornamelijk betrekking op Duitse werknemers. De Groep voorzag in de Verenigde Staten van Amerika eveneens medische verzekering na pensionering. In 2013 nam Agfa de beslissing om dit plan te beëindigen. Per einde 2014 is er geen openstaande schuld meer voor dit plan.

Het 'Group Pension Committee', gecreëerd als een subcomité van het 'Executive Committee ("Exco")' van de Groep assisteert het Exco in het toezicht en de supervisie van de verschillende binnen de Groep bestaande pensioenplannen en andere overeenkomsten die voorzien in vergoedingen na uitdiensttreding. Het comité adviseert het Exco over aangelegenheden in verband met het ontwerpen van personeelsbeloningsplannen zoals het aanpassen of beëindigen – geheel of gedeeltelijk – van de personeelsbeloningsplannen en de financiering ervan. Naast het adviseren van het Exco, is het 'Group Pension Committee' eveneens verantwoordelijk voor het toezicht op het plaatselijke bestuur, zijnde het lokale bestuur van het pensioenfonds en het bestuur van de verantwoordelijke werkgevers die bijdragen in dit fonds. Zij houdt toezicht op het vervullen van hun verantwoordelijkheden in pensioengerelateerde aangelegenheden.

Het 'Group Pension Committee' heeft voor de belangrijkste plannen die via een afzonderlijk pensioenfonds worden gefinancierd een strategische allocatie van de fondsbeleggingen vastgelegd. Het Comité herbekijkt op regelmatige basis de gewenste onderverdeling van fondsbeleggingen om zich zo te verzekeren dat ze aangepast blijven aan de verschillende profielen van verplichtingen van pensioenfondsen. In dit verband vermelden we de looptijd (duration) van de contante waarde van de brutoverplichting (DBO) van de belangrijkste plannen van de Groep: zij varieert tussen 11 en 20 jaar. De gewogen gemiddelde looptijd van de contante waarde van de brutoverplichting voor de toegezegdpensioenregelingen van de materiële landen van de Groep bedraagt per 31 december 2014 14 jaar.

Voor het beheer van de beleggingsfondsen, wordt het 'Group Pension Committee' bijgestaan door het 'Group Pension Investment Committee'. Het 'Group Pension Investment Committee' heeft een 'Group Investment Guideline' uitgevaardigd welke door het 'Group Pension Committee' werd goedgekeurd. Het 'Group Pension Committee' houdt toezicht op de juiste toepassing van deze richtlijn.

De Groep onderzoekt via haar 'Group Pension Committee' oplossingen om de omvang van de verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding te verminderen alsook de eraan verbonden risico's. Het beleggingsrisico en het risico op het langer leven van de aangeslotenen ('longevity risk') zijn twee risico's die specifiek worden onderzocht.

Volgend op de maatregelen genomen in 2013 om de verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding en de daaraan verbonden risico's te verminderen, werden in 2014 bijkomende maatregelen getroffen door de gepensioneerden van het Fabriekpensioenplan een éénmalige uitkering aan te bieden.

De belangrijkste toegezegdpensioenregelingen van de Groep gelden meestal voor alle werknemers en zijn gebaseerd op het salaris van de werknemer en het aantal jaren dienst. De karakteristieken en de risico's van de pensioenregelingen worden hierna in detail besproken.

België

In België heeft meer dan 95 procent van de verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding betrekking op het basisplan, genaamd 'Fabriekspensioen'. Dit plan is gefinancierd via bijdragen betaald aan een afzonderlijk pensioenfonds opgericht onder de rechtsvorm OFP (Organisme voor de Financiering van Pensioenen). Dit fonds heeft als taak om de pensioenrechten die de werkgevers, die participeren in het fonds, toezeggen aan de begunstigden van het plan, uit te keren. De werkgevers die deelnemen aan het fonds zijn Agfa-Gevaert NV, Agfa Graphics NV en Agfa HealthCare NV. De meerderheid van de werknemers van voornoemde werkgevers kunnen aanspraak maken op de voordelen van het 'Fabriekspensioen'-plan. Nieuwe deelnemers van Agfa Europe NV, waarvan de bedrijfsactiviteit werd overgedragen aan de rechtsopvolger Agfa HealthCare NV of aan Agfa Graphics NV, bouwen vanaf januari 2000 hun rechten onder een toegezegdebijdrageregeling op. Hetzelfde toegezegdebijdrageplan is van toepassing op de nieuwe deelnemers van Agfa HealthCare NV.

De deelnemers van het 'Fabriekspensioen' bouwen rechten op gebaseerd op een formule op basis van een laatste jaarlijks inkomen. Daar dit gefinancierd plan nog steeds nieuwe deelnemers toelaat en werknemers nog nieuwe pensioenrechten opbouwen, stelt het plan de Onderneming bloot aan het risico op salarisverhoging naast andere risico's zoals het interestrisico, het beleggingsrisico en het 'longevity'-risico. Meer dan 95% van de deelnemers kiest voor een éénmalige uitkering bij pensionering, echter het plan is ontworpen als een renteplan.

Het wettelijke en regulerend kader voor het 'Fabriekspensioen' is gebaseerd op de toepasbare Belgische wet, zijnde de wet van 27 oktober 2006 betreffende het toezicht op de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening en de Wet op de Aanvullende Pensioenen, kort WAP genoemd, van toepassing vanaf 1 januari 2004. Op basis van deze wetgeving wordt jaarlijks in het kader van de financiering een waardering gemaakt. De waarderingsmethode gebruikt om de bijdragen aan het Belgische OFP te bepalen is de 'geaggregeerde kostmethode'. Met het oog op de financiering van de verplichting over de volledige diensttijd wordt de bijdrage berekend als een jaarlijks vast percentage van de loonkost. Per 31 december 2014 is het financieringsniveau van het 'Fabriekspensioen' toereikend en bijgevolg is geen herstelplan noodzakelijk.

De Raad van Bestuur van het 'Pensioenfonds Agfa-Gevaert OFP' draagt de ultieme verantwoordelijkheid voor het beheer van de fondsbeleggingen en de verplichtingen van het 'Fabriekspensioen'-plan. Ze hebben het toezicht over de fondsbeleggingen gedelegeerd aan het 'Local Investment Committee' dat opereert binnen het kader vastgelegd door het 'Group Pension Committee'. De 'Statement of Investment Principles (SIP)' dat het 'Local Investment Committee' heeft gemaakt in overeenstemming met de 'Group Investment'-richtlijnen, werd officieel goedgekeurd tijdens de Buitengewone Algemene Vergadering van het 'Pensioenfonds Agfa-Gevaert OFP' op 7 februari 2014. Afwijkingen moeten voorafgaandelijk door het 'Group Pension Committee' worden goedgekeurd. Het 'Local Investment Committee' dient te verzekeren dat de activa van het fonds goed en voorzichtig worden belegd, conform toepasbare wetten en in het belang van de deelnemers en begunstigden van het plan.

In de tweede jaarhelft van 2014 heeft een project betreffende éénmalige afwikkeling van pensioenverplichtingen plaatsgevonden. In dit project kregen de gepensioneerden éénmalig de mogelijkheid om hun jaarlijkse pensioenrente om te zetten in een éénmalige uitkering.

Duitsland

In Duitsland zijn er geen wettelijke of gereglementeerde minimale financieringseisen en bijgevolg zijn alle Duitse toegezegdpensioenregelingen binnen de Groep ongefinancierd.

De pensioenplannen in Duitsland omvatten een basisplan dat verbonden is met het pensioengerechtigd salaris geplafonneerd tot het maximum in aanmerking te nemen salaris voor sociale zekerheid en een aanvullend plan dat de vergoedingen dekt verbonden aan het pensioengerechtigd salaris dat dit plafond overtreft. In Duitsland maken we een onderscheid tussen het 'oude pensioenplan', zijnde het plan dat vanaf 2005 gesloten is voor nieuwe deelnemers en waarin vanaf 2010 deelnemers ook geen pensioenrechten meer kunnen opbouwen en het 'nieuwe pensioenplan' – dat van toepassing is voor nieuwe deelnemers vanaf 2005. De populatie die in 2010 genoot van de voordelen van het 'oude pensioenplan' waarin met ingang van 31 december 2009 geen pensioenrechten meer kunnen worden opgebouwd, bouwen tevens in het 'nieuwe pensioenplan' pensioenrechten op maar genieten in vergelijking met de nieuw aangeslotenen vanaf 2005 bijkomende voordelen. Beide plannen omvatten een basispensioenplan en een aanvullend plan.

Bijkomend is Agfa gehouden tot het verstrekken van een pensioenplan conform de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomsten in de chemische sector.

Onder het 'oude pensioenplan', wordt het basisplan via de Bayer Pensionskasse (Penka) beheerd. De Bayer Pensionskasse is een collectieve regeling van meerdere werkgevers

die boekhoudkundig wordt verwerkt alsof het een toegezegdebijdrageregeling betreft (IAS 19.30(a)). Het plan is een toegezegdpensioenregeling welke ressorteert onder het beheer van de vroegere moederonderneming van Bayer AG. Het is boekhoudkundig verwerkt alsof het een toegezegdebijdrageregeling betreft daar we niet over de nodige informatie kunnen beschikken om het als een toegezegdpensioenregeling te verwerken. In geval van een tekort zou dit plan de Groep kunnen blootstellen aan een beleggingsen actuarieel risico. Echter de Groep is van oordeel dat deze risico's onbeduidend zijn. Vanaf 2004 heeft Agfa de verantwoordelijkheid om de renteuitkeringen aan te passen conform Sec.16, 1 en 2 van de 'German Pension Act (BetrAVG – Betriebsrentengesetz)'. Het basispensioen – in de vorm van rente – evenals de vereiste aanpassing van de pensioenrente tot en met 2003 wordt, conform voornoemde wettelijke bepalingen, rechtstreeks door de Penka uitgekeerd. Bijgevolg omvat de verplichting van Agfa met betrekking tot het basisplan, zoals opgenomen in de geconsolideerde balansen van de Groep, uitsluitend de verplichting van Agfa tot aanpassing van de pensioenrenteuitkeringen.

De rechten opgebouwd onder het aanvullend plan, dat boekhoudkundig als een toegezegdpensioenregeling wordt verwerkt, zijn gebaseerd op 'bijdragen' (1) berekend als een vast percentage van het aandeel van het pensioengerechtigd salaris boven het geplafonneerd maximum in aanmerking te nemen salaris voor sociale zekerheid. Vervolgens wordt voor de omrekening van deze 'bijdragen' (1) naar individuele pensioenrechten gebruik gemaakt van een factor onafhankelijk van de leeftijd van deelnemers aan het plan.

Na 31 december 2009 konden geen pensioenrechten meer worden opgebouwd onder het 'oude pensioenplan'.

Het oude pensioenplan is uitsluitend van toepassing op nieuwe deelnemers vóór 2005. Zij zijn per einde 2009 gestopt met het opbouwen van pensioenrechten. Vanaf 2010 nemen de werknemers deel in het nieuwe pensioenplan (Rheinische Pensionskasse).

Het 'nieuwe pensioenplan' omvat tevens een basispensioenplan, zijnde een plan dat verbonden is met het pensioengerechtigd salaris geplafonneerd tot het maximum in aanmerking te nemen salaris voor sociale zekerheid, en een aanvullend plan waarbij rechten worden opgebouwd op het pensioengerechtigd salaris dat dit plafond overtreft. Het basisplan wordt gefinancierd via bijdragen betaald aan de Rheinische Pensionskasse. Werknemers dragen gedeeltelijk (50%) bij aan de Rheinische Pensionskasse via uitgestelde compensatie. Eenmaal de bijdrage wordt betaald aan de Rheinische Pensionskasse, hebben de ondernemingen van de Groep in principe geen verdere verplichtingen meer. Bijgevolg wordt dit plan boekhoudkundig verwerkt als een toegezegdebijdrageregeling.

Het nieuwe aanvullend plan, dat in de balans wordt opgenomen als een directe verplichting vanwege de werkgever, voorziet in tegenstelling tot het vroegere plan, geen plafond voor het pensioengerechtigd salaris. De rechten opgebouwd onder het aanvullend plan zijn gebaseerd op 'bijdragen' (1) berekend als een vast percentage van het aandeel van het pensioengerechtigd salaris boven het geplafonneerd maximum in aanmerking te nemen salaris voor sociale zekerheid. In tegenstelling tot het oude plan worden vervolgens de bijdragen omgerekend naar individuele pensioenrechten gebruik makend van leeftijdsgebonden factoren en rekening houdend met vooraf bepaalde vaste toenamen van deze rechten.

Vanaf 2012, voorziet het plan in een optie tot uitkering van een vaste som in plaats van maandelijkse rente-uitkeringen.

Werknemers die voorheen participeerden in het 'oude pensioenplan' waarin vanaf 31 december 2009 geen rechten meer kunnen worden opgebouwd, bouwen rechten op in het aanvullend plan waarbij de omvang van de werkgeversbijdrage gekoppeld wordt aan de werknemersbijdrage. De werkgever draagt evenveel als de werknemer bij. De structuur zelf is gelijkaardig aan het nieuwe aanvullend plan zoals hierboven beschreven.

(1) 'BIJDRAGEN' IN DEZE CONTEXT BETEKENT EEN BEREKENINGSBASIS VOOR DE BEPALING VAN DE PENSIOENRECHTEN.

Het pensioenplan conform de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst in de chemische sector is gebaseerd op 'bijdragen' (1) die aan de hand van leeftijdsgebonden factoren worden omgezet naar individuele pensioenrechten. De werknemers dragen bij in dit plan via uitgestelde compensatie.

In Duitsland verstrekt Agfa in mindere mate beloningen die voortvloeien uit plannen afkomstig van vroegere acquisities. In deze plannen worden er geen rechten meer opgebouwd.

De verplichting in Duitsland wegens toegezegdpensioenregelingen omvat tevens pensioenplannen die volledig zijn gebaseerd op uitgestelde compensatiemodellen. De rechten, opgebouwd onder deze plannen, worden berekend op het bedrag per begunstigde dat jaarlijks wordt uitgesteld, vertaald naar pensioenrechten waarbij in sommige situaties rekening wordt gehouden met vooraf bepaalde jaarlijkse toenamen van deze rechten.

Voor een deel van het personeel, met name de 'HealthCare IT'-werknemers, bestaan er pensioenplannen die door verschillende externe fondsen (Pensionskassen) worden beheerd. Deze plannen worden vooral gefinancierd via uitgestelde compensatiemodellen die boekhoudkundig als toegezegdebijdrageregelingen worden verwerkt.

Bijkomend wordt aan het management van Agfa HealthCare IT in Duitsland een plan gebaseerd op pensioengerechtigd salaris verstrekt. Het betreft een congruent gefinancierd collectieve pensioenregeling (kongruent rückgedeckte Unterstützungskasse). De bijdragen, volledig door Agfa betaald, bedragen 5% van het pensioengerechtigd salaris.

Zowel de plannen waarin geen nieuwe rechten worden opgebouwd als deze waarin werknemers nog wel pensioenrechten opbouwen, stellen de Onderneming bloot aan actuariële risico's zoals het interestrisico, het risico op indexatie van pensioenuitkeringen en het 'longevity'-risico.

Verenigd Koninkrijk

In het Verenigd Koninkrijk worden er vanaf 30 juni 2002 geen nieuwe deelnemers in de toegezegdpensioenregeling, genaamd 'Agfa UK pension plan', meer toegelaten. Vanaf 1 januari 2010 kunnen deelnemers ook geen rechten meer opbouwen via dit plan. Vanaf 2010 hebben leden de mogelijkheid om rechten op te bouwen via een toegezegdebijdrageregeling.

Het gesloten 'Agfa UK pension plan' wordt gefinancierd via bijdragen betaald door de deelnemende werkgevers. Per jaareinde 2013 zijn dit Agfa-Gevaert NV, Agfa HealthCare UK Ltd. en Agfa Graphics Ltd. De leden van het plan komen in aanmerking voor een vergoeding, bepaald via een formule op basis van een gemiddeld eindsalaris. Bij pensionering kunnen rechten, opgebouwd in dit plan, gedeeltelijk via een vast bedrag worden uitbetaald waarbij het restant wordt betaald via maandelijkse uitkeringen.

Leden die uitgestelde rechten hebben opgebouwd, maken aanspraak op een verhoging van hun rechten tot op het ogenblik van pensionering ten belope van de inflatie, berekend op basis van de CPI (index der consumptieprijzen). Pensioenuitkeringen nemen toe in lijn met de RPI (index van de kleinhandelsprijzen) met een minimum toename van 3% en een maximum toename van 5%. Naast een inflatierisico is de Onderneming onderhevig aan actuariële risico's zoals: beleggingsrisico, interestrisico en het 'longevity'-risico.

De toegezegdpensioenregeling wordt beheerd via een trust waarbij de beslissingsbevoegdheid genomen wordt door de Raad van Bestuur van de trust. Zij hebben de plicht om uitsluitend te handelen in de beste belangen van de begunstigden conform de regels van de trust en de wetgeving in het Verenigd Koninkrijk. De financierings-

(1) 'BIJDRAGEN' IN DEZE CONTEXT BETEKENT EEN BEREKENINGSBASIS VOOR DE BEPALING VAN DE PENSIOENRECHTEN.

vereisten worden bepaald op basis van een actuariële waardering die elke drie jaar wordt uitgevoerd conform de wettelijke bepalingen en veronderstellingen die in dit verband worden voorgeschreven. Bovendien wordt over de veronderstellingen een akkoord gesloten tussen de Onderneming en de Trustees. Volgens de meest recente waardering in het kader van de financieringsvereisten, welke in 2013 heeft plaats gevonden, heeft Agfa met de trustees een overeenkomst bereikt om een vaste jaarlijkse bijdrage te betalen voor de volgende 13 jaar, beginnend vanaf 2014.

Verenigde Staten

In de Verenigde Staten neemt Agfa Corporation de verantwoordelijkheid op zich voor één belangrijk toegezegdpensioenregeling, het Agfa Corporation Pension Plan. Er worden geen nieuwe deelnemers meer toegelaten tot dit plan en de werknemers bouwen geen pensioenrechten meer op. Agfa HealthCare Corporation en Agfa Materials Corporation zijn deelnemende werkgevers in voornoemd plan. De begunstigden van het plan maken aanspraak op een vergoeding bepaald via een formule op basis van een gemiddeld eindsalaris. Deze gesloten toegezegdpensioenregeling stelt de Onderneming bloot aan actuariële risico's zoals het beleggingsrisico, het interest risico en het 'longevity'-risico.

De activa van de toegezegdpensioenregeling worden beheerd via een trust. De Raad van Bestuur van Agfa Corporation, de entiteit die verantwoordelijk is voor het betalen van de bijdragen voor het plan, delegeert beleggingsbeslissingen evenals het toezicht op de beleggingen aan een lokaal beleggingscomité, het 'Benefits Plan Investment Committee (BPIC)'. De leden van het BPIC zijn ertoe gehouden uitsluitend in de beste belangen van de begunstigden te handelen, in overeenstemming met de trustovereenkomst en de wetgeving in de Verenigde Staten van Amerika. Het wettelijke en regulerend kader voor de plannen is gebaseerd op de toepasbare wetgeving in de Verenigde Staten van Amerika, zijnde de 'US legislation Employee Retirement Income Security Act (ERISA)'. Op basis van deze wetgeving wordt, in het kader van de financieringsvereisten, jaarlijks een waardering opgemaakt. In dit plan zijn er geen persoonlijke bijdragen van de leden voorzien. De verantwoordelijke werkgever van het plan en de deelnemende werkgevers betalen bijdragen voor het plan in de mate dat dit noodzakelijk is - conform actuariële berekeningen - om de vergoedingen te kunnen uitkeren aan de leden van het plan. Minimale bijdragen zijn gebaseerd op de vereisten zoals bepaald door de 'Employee Retirement Income Security Act' van 1974 (ERISA) en de 'Pension Protection Act (PPA)' van 2006. Volgens de PPA zijn de actuarissen ertoe gehouden om elk jaar het financieringspercentage van het plan te certificeren. De laatste certificatie voor het plan heeft plaatsgevonden voor het jaar 2014 en maakt gebruik van de actuariële veronderstellingen zoals opgelegd door het IRS (Federale Belastingdienst van de Verenigde Staten). De actuaris bepaalde het financieringspercentage op 81,3%.

In 2013 is de Groep erin geslaagd om haar verplichting en de daaraan verbonden risico's substantieel af te bouwen door volgende twee acties:

    1. een project rond éénmalige afwikkeling van pensioenverplichtingen waarbij nietactieve leden met opgebouwde uitgestelde rechten een éénmalige uitkering kregen aangeboden en
    1. de beëindiging van de medische verzekering na pensionering vanaf 1 januari 2014.

Wijziging in de nettoverplichting gedurende 2014 en vorig jaar De wijziging in de nettoverplichting gedurende de jaren 2014 en 2013 wordt in onderstaande tabel weergegeven.

2014 2013
MILJOEN EURO Nettover
plichting op
1 januari
Andere lange
diensttijd
personeels
beloningen
TOTAAL Netto -
verplichting
op 1 januari
Andere lange
diensttijd
personeels
beloningen
TOTAAL
Nettoverplichting op 1 januari 875 8 883 1.106 63 1.169
Pensioenkosten weergegeven in de winst
en verliesrekening
44 - 44 55 (49) 6
Totaal herwaarderingen opgenomen in
'Niet-gerealiseerde resultaten'
289 - 289 (191) - (191)
Uitgaande kasstromen
Werkgeversbijdragen (40) - (40) (42) - (42)
Uitkeringen rechtstreeks betaald door de
Onderneming
(44) (2) (46) (44) (6) (50)
Valutakoersverschillen 25 - 25 (9) - (9)
Nettoverplichting op 31 december 1.149 6 1.155 875 8 883

Totale pensioenkost van de periode 2014 en 2013

De totale pensioenkost in 2014 van toegezegdpensioenregelingen voor de materiële landen van de Groep bedroeg een kost van 333 miljoen euro (2013: 185 miljoen euro opbrengst). Van dit bedrag wordt 44 miljoen euro kost weergegeven in de winst- en verliesrekening van de Groep over 2014 (2013: 6 miljoen euro kost). Het saldo, zijnde 289 miljoen euro negatief effect voor 2014 (191 miljoen positief effect voor 2013) wordt opgenomen in het overzicht van gerealiseerde en nietgerealiseerde resultaten onder 'Herwaardering van de nettoverplichting'. Deze herwaardering vloeit voort uit wijzigingen in demografische en financiële veronderstellingen en aanpassingen op grond van ervaring, welke hun oorsprong vinden in zowel de verplichtingen als de fondsbeleggingen van toegezegdpensioenregelingen. Details worden hierna weergegeven.

In 2013 omvat de pensioenkost die voor de materiële landen van de Groep erkend wordt in de winst- en verliesrekening volgende opbrengsten ten gevolge van specifieke gebeurtenissen:

  • een winst ten bedrage van 4 miljoen euro als gevolg van uitkering van uitgestelde opgebouwde reserves in het 'Agfa Corporation Pension Plan';
  • een opbrengst uit verstreken diensttijd ten bedrage van 50 miljoen euro, 30 miljoen euro netto na belastingen, die voornamelijk voortvloeit uit de beslissing van Agfa in mei 2013 om de medische verzekering na pensionering in de Verenigde Staten van Amerika te beëindigen met ingang van 1 januari 2014.

In 2014 omvat de pensioenkost in de winst- en verliesrekening van de Groep een winst van 7 miljoen euro als gevolg van een project rond éénmalige afwikkeling van pensioenverplichtingen betreffende het 'Agfa-Gevaert Fabriekspensioen Plan'.

2014 2013
MILJOEN EURO Pensioen
regelingen
Andere lange
diensttijd
personeels
beloningen
TOTAAL Pensioen
regelingen
Andere lange
diensttijd
personeels
beloningen
TOTAAL
Aan de diensttijd toewijsbare pensioenkost
Aan het dienstjaar toegerekende pensioen
kosten, exclusief werknemersbijdragen
19 - 19 20 - 20
Pensioenkosten van verstreken diensttijd - - - - (50) (50)
(winsten) / verliezen uit belangrijke inperking
/ beëindiging van de regelingen
(7) - (7) (4) - (4)
Totaal aan de diensttijd toewijsbare
pensioenkost
12 - 12 16 (50) (34)
Nettofinancieringskost
Interestkosten op DBO 75 - 75 77 1 78
Interestinkomen op fondsbeleggingen (44) - (44) (39) - (39)
Totale nettofinancieringskost 31 - 31 38 1 39
Herwaardering van andere lange diensttijd
personeelsbeloningen
- - - - - -
Administratieve kosten en belastingen 1 - 1 1 - 1
PENSIOENKOSTEN WEERGEGEVEN IN
DE WINST- EN VERLIESREKENING
44 - 44 55 (49) 6
Totaal herwaarderingen begrepen in
'Niet-gerealiseerde resultaten'
289 - 289 (191) - (191)
TOTALE PENSIOENKOST VAN DE PERIODE 333 - 333 (136) (49) (185)
MILJOEN EURO 2014 2013
Actuariële verliezen (winsten) als gevolg van 330 (128)
Aanpassingen aan de verplichtingen van de regelingen - verliezen (winsten)
- op grond van ervaring
(8) (9)
Demografische veronderstellingen 20 (20)
Financiële veronderstellingen 318 (99)
Rendement op fondbeleggingen excl. interest inkomen (41) (63)
TOTAAL HERWAARDERINGEN BEGREPEN IN
'NIET GEREALISEERDE RESULTATEN'
289 (191)

Verwachte pensioenkosten en kasstromen voor 2015

De Groep verwacht dat de pensioenkost voor de materiële landen voor 2015 in totaal 52 miljoen euro zal bedragen, bestaande uit 26 miljoen euro aan het dienstjaar toegerekende pensioen-, administratiekosten, belastingen en 26 miljoen euro interestkost op de nettoverplichting.

Voor het boekjaar 2015 verwacht de Groep 85 miljoen euro bij te dragen voor haar materiële pensioenregelingen en andere langetermijnpersoneelsbeloningen. Dit is in lijn met de uitgaande kasstroom voor 2014 die 86 miljoen euro bedroeg, zijnde werkgeversbijdragen ten belope van 40 miljoen euro en 46 miljoen euro uitkeringen die rechtstreeks door de Onderneming worden betaald.

Reconciliatie van de contante waarde van de brutoverplichtingen, de fondsbeleggingen en de financiering ervan

De contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen, de fondsbeleggingen en de financiering van de regelingen in de materiële landen worden hieronder weergegeven.

Op 31 december 2014 bedroeg de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen voor de Groep 2.286 miljoen euro (1.889 miljoen euro op 31 december 2013), waarvan 1.502 miljoen euro (1.224 miljoen euro op 31 december 2013) betrekking heeft op geheel of gedeeltelijk gefinancierde toegezegdpensioenregelingen en de overige 784 miljoen euro (665 miljoen euro op 31 december 2013) betrekking heeft op ongefinancierde toegezegdpensioenregelingen.

2014 2013
MILLION EURO Pensioen
regelingen
Andere lange
diensttijd
personeels
beloningen
TOTAAL Pensioen
regelingen
Andere lange
diensttijd
personeels
beloningen
TOTAAL
Wijziging in de contante waarde van de
brutoverplichting
Contante waarde van de brutoverplichting op
1 januari
1.881 8 1.889 2.129 63 2.192
Aan de diensttijd toewijsbare pensioenkost
Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten,
exclusief werknemersbijdragen
19 - 19 20 - 20
Pensioenkosten van verstreken diensttijd - - - - (50) (50)
Belangrijke inperking/beëindiging van de regelingen (7) - (7) (4) - (4)
Interestkosten op DBO 75 - 75 77 1 78
Uitgaande kasstromen
Uitkeringen rechtstreeks betaald door de
Onderneming
(110) (2) (112) (182) (6) (188)
Werknemersbijdragen - - - - - -
Betaalde premies - - - (2) - (2)
Herwaarderingen
Effect van demografische veronderstellingen 20 - 20 (20) - (20)
Effect van financiële veronderstellingen 317 1 318 (99) - (99)
Effecten op grond van ervaring (7) (1) (8) (9) - (9)
Valutakoersverschillen 92 - 92 (29) - (29)
Contante waarde van de brutoverplichting op
31 december
2.280 6 2.286 1.881 8 1.889
Wijziging in fondsbeleggingen
Reële waarde van fondsbeleggingen op 1 januari 1.006 - 1.006 1.023 - 1.023
Interestinkomen op fondsbeleggingen 44 - 44 39 - 39
Werkgeversbijdragen 84 2 86 86 6 92
Werknemersbijdragen - - - - - -
Uitkeringen (110) (2) (112) (182) (6) (188)
Administratieve kosten en belastingen (1) - (1) (1) - (1)
Betaalde premies - - - (2) - (2)
Rendement op fondbeleggingen excl. interest inkomen 41 - 41 63 - 63
Valutakoersverschillen 67 - 67 (20) - (20)
Reële waarde van fondsbeleggingen op 31 december 1.131 - 1.131 1.006 - 1.006
Financieringspositie op 31 december
Financieringspositie 1.149 6 1.155 875 8 883
Effect van vermogensplafond - - - - - -
Nettoverplichting op 31 december 1.149 6 1.155 875 8 883

Belangrijke actuariële veronderstellingen op rapporteringsdatum

De verplichtingen en pensioenkost van de periode met betrekking tot toegezegdpensioenregelingen van de Groep worden bepaald door gebruik te maken van actuariële waarderingen die gebaseerd zijn op actuariële veronderstellingen.

Op het einde van de boekjaren 2014 en 2013, werden volgende belangrijke actuariële veronderstellingen (gewogen gemiddelden) gebruikt.

31 december 2014 31 december 2013
Disconteringsvoet 2,8% 4,0%
Toekomstige verhoging van
lonen/salarissen
2,1% 2,1%

De hierboven weergegeven gemiddelden betreffende disconteringsvoet en de stijging van de lonen/salarissen worden bepaald op basis van de actuariële veronderstellingen welke toegepast worden in de verschillende toegezegdpensioenregelingen van de materiële landen van de Groep, gewogen op basis van de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van betreffende toegezegdpensioenregelingen.

De disconteringsvoeten worden bepaald op basis van het marktrendement op balansdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid, die een krediet rating van tenminste AA van een belangrijk 'rating' agentschap toegewezen krijgen, met een resterende looptijd die consistent is met de geschatte looptijd van de verplichtingen.

In de IAS 19 (Herzien 2011) standaard is het verwachte rendement op fondsbeleggingen gelijkgesteld aan de aanname van de disconteringsvoet.

Sensitiviteitsanalyse

Onderstaande tabel geeft de sensitiviteit weer van een verandering in bepaalde veronderstellingen op 31 december 2014 met betrekking tot de pensioenregelingen van de materiële landen van de Groep:

MILJOEN EURO Impact op de verwachte
pensioenlast van de periode (vóór
belastingen) voor 2015
Impact op de contante waarde van
de brutoverplichting op 31
december 2014
Eén percent punt daling in disconteringsvoet - 81
Eén percent punt stijging in disconteringsvoet - (79)
Verbetering in de sterftetafel waarbij wordt
verondersteld dat werknemers één jaar langer leven
- 74

Historiek van de fondsbeleggingen, contante waarde van de brutoverplichting, overschot/tekort van de pensioenregelingen voor 2014 en de vier voorgaande jaren

MILJOEN EURO 31 december
2014
31 december
2013
31 december
2012
31 december
2011
31 december
2010
Reële waarde van fondsbeleggingen 1.131 1.006 1.023 936 929
Contante waarde van de brutoverplichting 2.286 1.889 2.192 2.027 1.878
Overschot (Tekort) van de regelingen (1.155) (883) (1.169) (1.091) (949)

Reële waarde van fondsbeleggingen onderverdeeld naar belangrijkste categorieën

MILJOEN EURO 31 december 2014 31 december 2013
Geldmiddelen, kasequivalenten en overige 23 13
Aandelen 474 444
Rentedragende instrumenten 634 549
TOTAAL 1.131 1.006

De reële waarde van fondsbeleggingen omvat per jaareinde 2014 en 2013 geen aandelen of rentedragende instrumenten van de Onderneming of haar dochterondernemingen.

20.2 BELONINGEN IN DE VORM VAN EIGEN-VERMOGENSINSTRUMENTEN

Op 31 december 2014 zijn er geen uitstaande aandelenoptieplannen meer.

MILJOEN EURO 2014 2013
Langlopende rentedragende verplichtingen 125 319
'Revolving'-kredietfaciliteit (1) (2)
Bankschulden 85 132
Obligatieleningen 41 189
Financiële leaseverplichtingen - -
Kortlopende rentedragende verplichtingen 197 24
Bankschulden 50 24
Obligatieleningen 147 -
Financiële leaseverplichtingen - -

21. RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN

21.1 'REVOLVING'-KREDIETFACILITEIT

In de loop van 2011 hernieuwde de Onderneming de 'revolving'-kredietfaciliteit voor een periode tot 31 mei 2016. Het notioneel bedrag van deze faciliteit bedraagt 445 miljoen euro. Geldopnames onder deze kredietlijn worden gedaan voor korte periodes maar de Groep heeft, onder de bestaande herfinancieringovereenkomst, de mogelijkheid om de leningen te verlengen voor langere periodes na balansdatum. Er werden geen waarborgen verstrekt voor de kredietopeningen. Op 31 december 2014 zijn er geen opnames onder deze faciliteit. Transactiekosten voor een bedrag van 1 miljoen euro werden geboekt in mindering van de initiële boekwaarde van de financiële verplichting.

De verdeling over de diverse looptijden is als volgt:

MILJOEN EURO Nominaal bedrag Opgenomen bedrag Munt Rentevoet
Eindvervaldag 2014 2013 2014 2013 2014 2013
2016 445 445 (1) (2) EUR - -
TOTAAL 445 445 (1) (2)

21.2 RENTEDRAGENDE LENINGEN

21.2.1 Langlopende rentedragende verplichtingen

De langlopende rentedragende verplichtingen hebben volgende eindvervaldagen:

MILJOEN EURO 2014 2013
Eindvervaldag Opgenomen bedrag
Rentevoet
Rentevoet
< 5 jaar 1 7% 2 7%
84 4,33% - 4,36% 124 4,33% - 4,36%
> 5 jaar - - 6 4,33% - 4,36%
TOTAAL 85 132

Langlopende rentedragende verplichtingen omvatten voornamelijk de leningsovereenkomst die de Groep in het vierde kwartaal van 2010 afsloot met de Europese Investeringsbank (EIB). De EIB stelt een bedrag van 130 miljoen euro ter beschikking voor de financiering van onderzoek-, ontwikkeling- en innovatieprojecten binnen het segment Agfa HealthCare Information Technology. De gefinancierde projecten betreffen onderzoek-, ontwikkeling- en innovatieprojecten in de periode vanaf 2010 tot 2013.

Het bedrag van de toegestane lening zal niet hoger zijn dan 50% van de totale kostprijs van de projecten. Een eerste schijf van 70 miljoen euro werd beschikbaar gesteld in 2011 met eindvervaldag tot augustus 2018. Een tweede schijf van 60 miljoen euro werd beschikbaar gesteld en opgenomen in 2012, met eindvervaldag tot februari 2019. Het langlopende deel van de EIB lening bedraagt 84 miljoen euro.

In de loop van 2014 werd een lening afgesloten met Export Development Canada (EDC) voor een nominaal bedrag van 50 miljoen euro. EDC stelt een bedrag van 50 miljoen euro ter beschikking voor de financiering van onderzoek- en ontwikkelingsactiviteiten gemaakt door de dochteronderneming Agfa HealthCare Inc. (Canada). De lening heeft een eindvervaldag in juni 2019. Fondsen kunnen opgenomen worden over een periode van 2 jaar. Per 31 december 2014 werden er geen opnames gedaan op deze faciliteit.

21.2.2 Kortlopende rentedragende verplichtingen

Kortlopende rentedragende verplichtingen bevatten het kortlopende gedeelte van de EIB-lening (26 miljoen euro) en andere kortlopende lokale bankleningen die voor het merendeel niet gewaarborgd zijn. De gewogen gemiddelde rentevoet van deze lokale bankleningen bedraagt 6,34% (2013: 9,33%).

21.3 OBLIGATIELENING

In mei 2005 gaf de Onderneming een obligatielening uit met een nominale waarde van 200 miljoen euro. De obligatielening draagt een coupon van 4,375% en vervalt in juni 2015.

De interesten zijn jaarlijks betaalbaar na verloop van termijn. De uitgifteprijs bedroeg 101,956%. De obligatielening wordt gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs. In voorbije jaren werd een bedrag van 11 miljoen euro afgelost door de Onderneming.

In mei 2014 lanceerde de Onderneming een openbaar ruilbod op hierboven vernoemde obligatielening. De houders van de bestaande obligatielening werd de mogelijkheid geboden om hun huidige obligaties in te ruilen tegen nieuw uitgegeven obligaties met een nominale waarde van 1.000 euro en een bruto vaste coupon van 5,35% per jaar met vervaldag op 2 juni 2019. Bestaande obligaties voor een totaal bedrag van 42 miljoen euro werden geruild in dit openbaar ruilbod. Bestaande obligaties voor een totaal bedrag van 147 miljoen euro blijven uitstaand en zullen terugbetaald worden in juni 2015.

22. VOORZIENINGEN

22.1 LANGLOPENDE

Langlopende voorzieningen bedroegen 14 miljoen euro op 31 december 2014 (2013: 11 miljoen euro).

MILJOEN EURO Milieu
voorzieningen
Herstructu
reringen
Andere TOTAAL
Voorzieningen per 31 december 2013 2 1 8 11
Voorzieningen aangelegd in de loop van het boekjaar - - 6 6
Aanwending van voorzieningen in de loop van het boekjaar - - (1) (1)
Terugname van voorzieningen in de loop van het boekjaar - - (1) (1)
Valutakoersverschillen - - 1 1
Overboekingen - - (2) (2)
Voorzieningen per 31 december 2014 2 1 11 14

Andere langlopende voorzieningen omvatten een voorziening voor leegstaande gebouwen, een voorziening voor afbraakkosten, een voorziening voor pensioenverzekering die betaalbaar is na meer dan één jaar en een verplichting wegens onttrekking aan een collectieve pensioenregeling in de Verenigde Staten van Amerika.

22.2 KORTLOPENDE

De kortlopende voorzieningen bedroegen 155 miljoen euro op 31 december 2014 (2013: 160 miljoen euro).

MILJOEN EURO Milieu
voorzieningen
Omzet
gerelateerde
voorzieningen
Belastingen Herstructu
reringen
Andere TOTAAL
Voorzieningen per 31 december 2013 7 37 71 25 20 160
Voorzieningen aangelegd in de loop
van het boekjaar
- 50 34 20 9 113
Aanwending van voorzieningen in de
loop van het boekjaar
- (49) (32) (21) (8) (110)
Terugname van voorzieningen in de
loop van het boekjaar
(2) (2) (1) (5) (3) (13)
Valutakoersverschillen - 1 - - - 1
Overboekingen - 7 (4) - 1 4
Voorzieningen per 31 december 2014 5 44 68 19 19 155

De voorzieningen met betrekking tot milieubescherming dekken toekomstige aanpassingswerken van terreinen en de sanering van bodems die zijn verontreinigd door vroegere industriële activiteiten.

Voorzieningen gerelateerd aan de opbrengsten omvatten onder meer te betalen bedragen aan klanten met betrekking tot geleverde goederen en diensten gedurende het boekjaar, zoals omzetkortingen en rabatten, commissies betaalbaar aan agenten en bijkomende verplichtingen in verband met aan- en verkoopcontracten, voorzieningen voor commerciële betwistingen en verlieslatende contracten.

Voorzieningen voor belastingen hebben betrekking op zowel winstbelastingen als overige belastingen, zoals BTW en andere indirecte belastingen.

De voorziening voor winstbelastingen omvat belastingen op winsten die berekend maar nog niet vooruitbetaald werden, evenals winstbelastingen in verband met lopende of te verwachten fiscale controles op de afgelopen jaren en voorzieningen voor aanpassingen van de afgelopen jaren.

Voorzieningen voor herstructureringen omvatten voornamelijk de ontslagvergoedingen voor het personeel.

Andere kortlopende voorzieningen omvatten de kortlopende verplichtingen met betrekking tot vroegere werknemers van de logistieke afdeling die aan de groep H. Essers verkocht werd. Verder omvatten ze een provisie voor leegstaande gebouwen, voorzieningen voor betwistingen met vroegere werknemers, een voorziening voor een commerciële betwisting, alsook een voorziening in verband met betwistingen over invoerrechten.

Tot slot omvatten ze de voorzieningen met betrekking tot vorderingen die verband houden met de verkoop van de Consumer Imaging (CI) business in 2004. Het betreft hier voornamelijk commerciële betwistingen en vorderingen van vroegere CI-werknemers die naar AgfaPhoto zijn overgegaan.

22.3 WAARDERING VAN VOORZIENINGEN MET BETREKKING TOT HET FAILLISSEMENT VAN AGFAPHOTO GMBH

Op 1 november 2004 verkocht de Groep al haar Consumer Imaging-activiteiten aan AgfaPhoto Holding GmbH inclusief de productie, de verkoop en de dienstverlening welke verbonden is aan fotografische film, producten voor finishing en labapparatuur. Vanaf november 2004 werden de Consumer Imaging-activiteiten volledig uitgeoefend door de AgfaPhoto groep van vennootschappen tot eind mei 2005 toen AgfaPhoto GmbH een aanvraag tot faillissement indiende in Duitsland, gevolgd door faillissementsaanvragen van een aantal AgfaPhoto-verkooporganisaties.

In oktober 2005 besloot de curator van AgfaPhoto GmbH tot liquidatie van deze vennootschap. Niettegenstaande dat AgfaPhoto GmbH en haar dochtervennootschappen volledig onafhankelijk van de Groep opereren, heeft het faillissement en de liquidatie van AgfaPhoto GmbH en van sommige van haar dochtervennootschappen een invloed op de Groep op verschillende manieren.

Arbitrageprocedures met betrekking tot openstaande saldi die voortvloeiden uit distributie-, levering- en dienstverleningsovereenkomsten konden in 2012 door minnelijke schikkingen beëindigd worden.

Verder werd de Groep geconfronteerd met een aantal gerechtelijke procedures vanwege vroegere Consumer Imaging werknemers die naar AgfaPhoto werden getransfereerd. In Duitsland heeft het Federaal Arbeidshof (Bundesarbeitsgericht), in derde aanleg dus, finale vonnissen in een totaal van 57 AgfaPhoto-zaken geveld. Eind 2014 was nog slechts één enkele procedure hangende voor een arbeidsrechtbank in eerste aanleg.

Agfa Finance is in een aantal landen nog steeds betrokken bij verschillende juridische geschillen betreffende lease-overeenkomsten voor minilabs, als eisende en als verwerende partij. Terwijl sommige gevallen door minnelijke schikkingen konden beëindigd worden of nog zullen beëindigd worden, worden de nog lopende geschillen behandeld conform de risico-inschattingen van de Groep.

De Groep heeft voldoende voorzieningen geboekt met betrekking tot AgfaPhotogerelateerde geschillen.

De Groep legt voorzieningen aan voor verwachte verliezen wanneer zij van oordeel is dat het verlies waarschijnlijk is en het bedrag van het verlies op een redelijke wijze kan worden geschat. Voorzieningen voor waarschijnlijke verliezen zijn gebaseerd op veronderstellingen en schattingen, en op juridisch advies op vlak van waarschijnlijke uitkomsten van een zaak.

Wanneer zich nieuwe ontwikkelingen voordoen of wanneer meer informatie beschikbaar is, bestaat de mogelijkheid dat de veronderstellingen en schattingen in deze zaken gewijzigd dienen te worden.

Verdere informatie wordt verschaft in toelichting 26.

23. HANDELSSCHULDEN EN OVERIGE SCHULDEN

MILJOEN EURO 2014 2013
Handelsschulden 230 239
Overige te betalen posten 85 95
Overige financiële verplichtingen 49 59
Gelopen, niet-vervallen rente 8 8
Andere diverse te betalen posten 41 51
Overige verplichtingen 36 36
Sociale verplichtingen 28 27
Verplichtingen met betrekking tot
personeelsbezoldigingen
8 9

De overige te betalen posten omvatten:

De blootstelling aan het wisselkoers- en liquiditeitsrisico uit handelsschulden van de Groep wordt beschreven in toelichting 7.

Sociale verplichtingen omvatten voornamelijk de sociale zekerheidsbijdragen die op 31 december 2014 nog niet betaald werden.

De andere diverse te betalen posten omvatten voornamelijk te ontvangen facturen en verplichtingen ingevolge liquiditeitsovereenkomsten.

24. UITGESTELDE OPBRENGSTEN & VOORUITBETALINGEN

Uitgestelde opbrengsten omvat zowel gefactureerde bedragen als bedragen die conform de contractuele bepalingen aan de klanten kunnen worden gefactureerd maar nog niet in de winst- en verliesrekening kunnen worden opgenomen. De vooruitbetalingen geven de bedragen weer die de Onderneming heeft ontvangen maar nog niet aan haar klanten heeft gefactureerd daar zij haar verplichting ten aanzien van deze klanten nog dient te voltooien, zijnde de levering van goederen en/of diensten.

De uitgestelde opbrengsten en vooruitbetalingen bedroegen 125 miljoen euro op 31 december 2014 (2013: 121 miljoen euro) en resulteren voornamelijk uit tussentijdse facturatie in overeenkomsten waarin meerdere goederen zoals software en hardware en/of diensten samen worden aangeboden ('multiple element'-regelingen) en uit vooruitfacturatie van de dienstverlenings- en onderhoudscontracten.

De toepassing van de huidige richtlijn betreffende de opname van opbrengsten in de winst- en verliesrekening uit 'multiple element'-regelingen vereist oordeelsvorming vanwege het management. Er dient te worden beoordeeld of de opnamecriteria afzonderlijk kunnen worden toegepast op de in de overeenkomst aangeboden goederen en/of diensten en zo ja, of er een betrouwbare en objectieve reële waarde voor de aangeboden goederen en/of diensten afzonderlijk kan worden bepaald. De toewijzing van de verkoopprijs van de overeenkomst aan de verschillende goederen en/of diensten op basis van ondernemingsspecifieke objectieve gegevens van reële waarde – inclusief de toewijzing van kortingen – steunt op oordeelsvorming en belangrijke schattingen vanwege het management. Wijzigingen in de door het management aangenomen veronderstellingen met betrekking tot de afzonderlijk identificeerbare goederen en/of diensten in een overeenkomst en de daaraan toegewezen reële waarde, zouden een belangrijke impact kunnen hebben op de opbrengsten opgenomen in de winst- en verliesrekening.

25. OPERATIONELE LEASE-OVEREENKOMSTEN

25.1 LEASE-OVEREENKOMSTEN WAARBIJ ALS LEASINGNEMER WORDT OPGETREDEN

De Groep huurt voornamelijk gebouwen en infrastructuur op basis van operationele lease-overeenkomsten. De vervaldagstructuur van de toekomstige minimale leasebetalingen onder deze niet-opzegbare lease-overeenkomsten is:

MILJOEN EURO 2014 2013
Niet later dan één jaar 45 46
Later dan één jaar en niet later dan vijf jaar 103 97
Later dan vijf jaar 18 25
TOTAAL 166 168

25.2 LEASE-OVEREENKOMSTEN WAARBIJ ALS LEASINGGEVER WORDT OPGETREDEN

De Groep verhuurt bedrijfsruimte en overige materiële vaste activa op basis van operationele leases. De toekomstige minimale leasebetalingen uit hoofde van nietopzegbare lease-overeenkomsten luiden als volgt:

MILJOEN EURO 2014 2013
Niet later dan één jaar 2 1
Later dan één jaar en niet later dan vijf jaar 4 4
Later dan vijf jaar - -
TOTAAL 6 5

26. VERBINTENISSEN EN BUITENBALANSVERPLICHTINGEN

26.1 VOORWAARDELIJKE VERPLICHTINGEN

De voorwaardelijke verplichtingen vloeiden volledig voort uit verbintenissen aan derden gegeven en omvatten:

MILJOEN EURO 2014 2013
Bankgaranties 50 47
Andere 1 1
TOTAAL 51 48

De totale aankoopverplichtingen in het kader van belangrijke investeringsprojecten waarvoor de respectieve contracten reeds werden toegekend of de orders werden geplaatst, bedroegen op 31 december 2014 1 miljoen euro (2013: 1 miljoen euro).

26.2 JURIDISCHE RISICO'S/VOORWAARDELIJKE VERPLICHTINGEN

De Groep is momenteel niet betrokken in één of ander groot geschil, met uitzondering van het geschil in verband met de insolvabiliteit van AgfaPhoto.

AgfaPhoto

In verband met de verkoop van de Consumer Imaging-activiteiten van Agfa-Gevaert AG en van sommige van haar dochtervennootschappen in 2004 had de Groep diverse contractuele relaties afgesloten met AgfaPhoto Holding GmbH, AgfaPhoto GmbH en hun dochtervennootschappen in verschillende landen (de AgfaPhoto groep). Daarbij werd voorzien in de overdracht van haar Consumer Imaging-activiteiten, inbegrepen activa, verplichtingen, contracten en personeel naar de vennootschappen behorende tot de AgfaPhoto groep.

Na de verkoop werd een aanvraag tot faillissement ingediend door AgfaPhoto GmbH en een aantal van haar dochtervennootschappen zowel in Duitsland als in andere landen. In verschillende landen werden gerechtelijke procedures tegen de Groep ingespannen. Het betreft een aantal geschillen met inbegrip van arbeidsrechtelijke geschillen in Duitsland, waarbij diverse schadevergoedingen en andere compensaties werden geëist met betrekking tot het faillissement en de daarop volgende liquidatie van vennootschappen van de AgfaPhoto groep. De Groep meent dat het in haar verweer in deze rechtszaken over voldoende argumenten beschikt en verdedigt haar belangen krachtdadig.

In verband met deze verkoop diende de curator van AgfaPhoto GmbH verschillende aanvragen tot arbitrage in bij het ICC Internationale Arbitragehof in Parijs, Frankrijk. In de enige nog hangende arbitrageprocedure vordert de curator een vergoeding voor vermeende onderkapitalisatie van AgfaPhoto GmbH evenals voor het vermeende veroorzaken van het faillissement van AgfaPhoto GmbH. Een andere arbitrageprocedure met betrekking tot het vermeende veroorzaken van de faillissementen van AgfaPhoto-verkooporganisaties werd in 2014 door het ICC Tribunaal ten gunste van de Groep afgewezen.

De Groep meent dat het in haar verweer met betrekking tot deze vorderingen over voldoende argumenten beschikt en verdedigt haar belangen krachtdadig.

Omwille van wat wij denken, zijnde een hoog speculatieve aard van de vorderingen van de curator van AgfaPhoto GmbH, acht de Groep het onmogelijk om tot een betrouwbare schatting te komen van de financiële gevolgen van deze arbitrageprocedure.

27. INFORMATIEVERSCHAFFING OVER VERBONDEN PARTIJEN

27.1 TRANSACTIES MET BESTUURDERS EN LEDEN VAN HET EXECUTIVE MANAGEMENT (MANAGERS OP SLEUTELPOSITIES)

Het totaal van de beloningen voor managers op sleutelposities (exclusief patronale sociale bijdragen) opgenomen in de winst- en verliesrekening bedraagt:

2014 2013
MILJOEN EURO Bestuurders Executive
Management
Bestuurders Executive
Management
Kortlopende
personeelsbeloningen
0,6 3,9 0,6 4,0
Vergoedingen na
uitdiensttreding
- 0,3 - 0,3
Op aandelen gebaseerde
betalingen
- - - -
TOTAAL 0,6 4,2 0,6 4,3

Per 31 december 2014 waren er geen uitstaande leningen ten behoeve van managers op sleutelposities.

De verplichtingen voor vergoedingen na uitdiensttreding voor de leden en de gepensioneerde leden van het Executive Management, opgenomen in de geconsolideerde balans op 31 december 2014, bedragen 19 miljoen euro.

27.2 TRANSACTIES MET ANDERE PARTIJEN

Transacties met verwante partijen betreffen voornamelijk handelstransacties en zijn gebaseerd op het 'at arm's length'-principe. De kosten en opbrengsten met betrekking tot deze transacties zijn immaterieel in het kader van de geconsolideerde jaarrekening.

De Groep en haar zakenpartner Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. hebben hun activiteiten gebundeld vanaf 2010, gericht op het versterken van de marktpositie van beide partners in Groot-China en de ASEAN-regio. Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. heeft een participatie van 49% in Agfa Hong Kong Limited, de holding van de gecombineerde activiteiten van beide partijen. Zie ook toelichting 19.8 Minderheidsbelangen.

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de transactiewaarde en het openstaand saldo tussen de Groep en Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd.

Transactiewaarde per
jaareinde
Transactiewaarde per
jaareinde
MILJOEN EURO 2014 2013 2014 2013
Verkopen aan Shenzhen Brother 46 54 6 6
Aankopen van Shenzhen Brother 20 60 1 2
Dividend 5 - - -

In de loop van 2014 verwierf Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. een dividend van 5 miljoen euro (49%).

28. WINST PER AANDEEL

28.1 GEWONE WINST PER AANDEEL

De berekening van de gewone winst per aandeel is gebaseerd op een toe te kennen winst (verlies) aan de aandeelhouders van de Onderneming van 50 miljoen euro (2013: 41 miljoen euro (herwerkt)) en een gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande aandelen gedurende het jaar 2014 van 167.751.190 (2013: 167.751.190).

Het gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande aandelen werd als volgt berekend:

Effect van opties uitgeoefend gedurende 2014
Gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande aandelen op 31
-
167.751.190
december 2014
EURO 2014 2013
Gewone winst per aandeel 0,30 0,25

28.2 VERWATERDE WINST PER AANDEEL

De berekening van de verwaterde winst per aandeel is gebaseerd op een toe te kennen winst (verlies) aan de aandeelhouders van de Onderneming van 50 miljoen euro (2013: 41 miljoen euro (herwerkt)) en een gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande verwaterde aandelen gedurende het jaar 2014 van 167.751.190 (2013: 167.751.190).

Er dient te worden opgemerkt dat er geen openstaande aandelenoptieplannen meer zijn op 31 december 2014.

Het gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande verwaterde aandelen werd als volgt berekend:

Aantal uitstaande gewone aandelen op 1 januari 2014 167.751.190
Effect van potentiële gewone aandelen die tot verwatering zullen
leiden (toelichting 21)
-
Gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande verwaterde
aandelen op 31 december 2014
167.751.190

De gemiddelde reële waarde van een gewoon aandeel bedroeg in 2014 2,17 euro per aandeel.

EURO 2014 2013
Verwaterde winst per aandeel 0,30 0,25

29. INVESTERINGEN IN DOCHTERONDERNEMINGEN EN INVESTERINGEN VERWERKT VOLGENS DE 'EQUITY'-METHODE

De moedermaatschappij van de Groep, Agfa-Gevaert NV (BE 0404 021 727), Mortsel (België) is de moedermaatschappij van de volgende belangrijke dochterondernemingen:

Geconsolideerde ondernemingen per 31 december 2014
Naam van de onderneming Locatie Deelnemings-%
Agfa (Pty.) Ltd. Isando/Republiek Zuid-Afrika 100
Agfa (Wuxi) Imaging Co., Ltd. Wuxi/Volksrepubliek China 99,16
Agfa (Wuxi) Printing Plate Co. Ltd. Wuxi/Volksrepubliek China 51
Agfa ASEAN Sdn. Bhd. Petaling Jaya/Maleisië 51
Agfa Corporation Elmwood Park/Verenigde Staten van Amerika 100
Agfa de Mexico S.A. de C.V. Mexico D.F./Mexico 100
Agfa Finance Corp. Wilmington/Verenigde Staten van Amerika 100
Agfa Finance Inc. Toronto/Canada 100
Agfa Finance Italy SpA Milaan/Italië 100
Agfa Finance NV - BE 0436 501 879 Mortsel/België 100
Agfa Finance Polska Sp.z.o.o. Warschau/Polen 100
Agfa Finco NV - BE 0810 156 470 Mortsel/België 100
Agfa Graphics Argentina S.A. Buenos Aires/Argentinië 100
Agfa Graphics Asia Ltd. Hong Kong/Volksrepubliek China 51
Agfa Graphics Ecuador CIA. LTDA Quito/Ecuador 100
Agfa Graphics Ltd. Leeds/Verenigd Koninkrijk 100
Agfa Graphics Middle East Fzco Dubai/Ver. Arabische Emiraten 100
Agfa Graphics NV - BE 0456 366 588 Mortsel/België 100
Agfa Graphics S.r.l. Milaan/Italië 100
Agfa HealthCare - Knightsbridge GmbH Wenen/Oostenrijk 60
Agfa HealthCare AG Dübendorf/Zwitserland 100
Agfa HealthCare Argentina S.A. Buenos Aires/Argentinië 100
Agfa HealthCare Australia Limited Scoresby/Australië 100
Agfa HealthCare Brasil Importacao e Servicos Ltda. Sao Paulo/Brazilië 100
Agfa HealthCare Chile Ltda. Santiago de Chile/Chili 100
Agfa HealthCare Colombia Ltda. Bogota/Colombië 100
Agfa HealthCare Corporation Greenville/Verenigde Staten van Amerika 100
Agfa HealthCare Denmark A/S Kopenhagen/Denemarken 100
Agfa HealthCare France S.A. Artigues près Bordeaux/Frankrijk 100
Agfa Healthcare Equipments Portugal Lda. Oeiras/Portugal 100
Agfa HealthCare Finland Oy AB Espoo/Finland 100
Agfa HealthCare Germany GmbH Bonn/Duitsland 100
Agfa HealthCare Ges.mbH Wenen/Oostenrijk 100
Agfa HealthCare GmbH Bonn/Duitsland 100
Agfa HealthCare Hellas A.E.B.E. Peristeri/Griekenland 100
Agfa HealthCare Hong Kong Ltd. Hong Kong/Volksrepubliek China 100
Agfa HealthCare Hungary Kft. Boedapest/Hongarije 100
Agfa HealthCare Imaging Agents GmbH Keulen/Duitsland 100
Agfa HealthCare Inc. Toronto/Canada 100
Agfa HealthCare India Private Ltd. Thane/Indië 100
Agfa HealthCare Luxembourg S.A. Bertrange/Luxemburg 100
Agfa HealthCare Malaysia Sdn. Bhd. Kuala Lumpur/Maleisië 100
Agfa HealthCare Mexico S.A. de C.V. Mexico D.F./Mexico 100
Agfa HealthCare Norway AS Oslo/Noorwegen 100
Agfa HealthCare NV - BE 0403 003 524 Mortsel/België 100
Agfa HealthCare Saudi Arabia Company Limited LLC Riyadh/Saoedi-Arabië 100
Agfa HealthCare (Shanghai) Co Ltd. Shanghai/Volksrepubliek China 100
Agfa HealthCare Singapore Pte. Ltd. Singapore/Republiek Singapore 100
Agfa HealthCare Solutions LLC Dubai/Verenigde Arabische Emiraten 100
Agfa HealthCare South Africa Pty. Ltd. Isando/Republiek Zuid-Afrika 100
Agfa HealthCare Spain S.A.U. Barcelona/Spanje 100
Agfa HealthCare Sweden AB Kista/Zweden 100
Agfa HealthCare Systems Taiwan Co. Ltd. Taipei/Taiwan 100
Agfa HealthCare UK Limited Brentford/Verenigd Koninkrijk 100
Agfa Imaging (Shenzhen) Co. Ltd. Shenzhen/Volksrepubliek China 51
Agfa Inc. Missisauga/Canada 100
Agfa Industries Korea Ltd. Kyunggi-do/Zuid-Korea 100
Agfa Limited Dublin/Ierland 100
Agfa Materials Corporation Wilmington/Verenigde Staten van Amerika 100
Agfa Materials Japan Ltd. Tokyo/Japan 100
Agfa Materials Taiwan Co. Ltd. Taipei/Taiwan 100
Agfa Scots Ltd. Edinburgh/Verenigd Koninkrijk 100
Agfa Singapore Pte. Ltd. Singapore/Republiek Singapore 51
Agfa Solutions SAS Rueil-Malmaison/Frankrijk 100
Agfa Sp. z.o.o. Warschau/Polen 100
Agfa Taiwan Co. Ltd. Taipei/Taiwan 51
Agfa-Gevaert A.E.B.E. Athene/Griekenland 100
Agfa-Gevaert Aktiengesellschaft für Altersversorgung Keulen/Duitsland 100
Agfa-Gevaert Argentina S.A. Buenos Aires/Argentinië 100
Agfa-Gevaert B.V. Rijswijk/Nederland 100
Agfa-Gevaert Colombia Ltda. Bogota/Colombië 100
Agfa-Gevaert de Venezuela S.A. Caracas/Venezuela 100
Agfa-Gevaert do Brasil Ltda. Sao Paulo/Brazilië 100
Agfa-Gevaert Graphic Systems GmbH Keulen/Duitsland 100
Agfa-Gevaert HealthCare GmbH Keulen/Duitsland 100
Agfa-Gevaert Japan, Ltd. Tokyo/Japan 100
٠
Agfa-Gevaert Limited Scoresby/Australië 100
Agfa-Gevaert Limited Brentford/Verenigd Koninkrijk 100
Agfa-Gevaert Ltda. Santiago De Chile/Chili 100
Agfa-Gevaert GmbH Keulen/Duitsland 100
Agfa-Gevaert NZ Ltd. Auckland/Nieuw-Zeeland 100
Agfa-Gevaert S.A. Rueil-Malmaison/Frankrijk 99,99
Agfa-Gevaert S.p.A. Milaan/Italië 100
Agfa HealthCare Imaging Agents France S.r.l. Marcq en Baroeul/Frankrijk 100
Lastra Attrezzature S.r.l. Manerbio/Italië 60
Litho Supplies (UK) Ltd. Derby/Verenigd Koninkrijk 100
Luithagen NV - BE 0425 745 668 Mortsel/België 100
New ProImage America Inc. Princeton/Verenigde Staten van Amerika 100
New ProImage Ltd. Netanya/Israël 100
OOO Agfa Graphics Moskou/Russische Federatie 100
OOO Agfa Health IT Moskou/Russische Federatie 100
OOO Agfa Moskou/Russische Federatie 100
Plurimetal do Brasil Ltda. Rio de Janeiro/Brazilië 100
Shanghai Agfa Imaging Products Co., Ltd. Shanghai/Volksrepubliek China 51
Agfa HealthCare Algérie Sarl Alger/Algerië 100
Agfa HealthCare Kazakhstan LLP Almaty/Republiek Kazakhstan 100
Agfa HealthCare Ukraine LLC Kiev/Oekraïne 100
Investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode
per 31 december 2014
Naam van de onderneming Locatie Deelnemings-%
PlanOrg Informatik GmbH Jena/Duitsland 24,50

30. GEBEURTENISSEN NA BALANSDATUM

Geen gebeurtenissen na balansdatum.

31. INFORMATIE MET BETREKKING TOT DE OPDRACHTEN EN HONORARIA VAN DE COMMISSARIS

De honoraria met betrekking tot audit en aan audit gerelateerde prestaties geleverd door KPMG Bedrijfsrevisoren en zijn netwerk kan als volgt gedetailleerd worden:

EURO 2014 2013
Bezoldiging van de commissaris voor de uitoefening van een mandaat van
commissaris voor de Vennootschap en de Groep (België)
538.544 538.544
Bezoldiging van de commissaris voor uitzonderlijke werkzaamheden of bijzondere
opdrachten uitgevoerd voor de Vennootschap en de Groep
Andere controle 53.788 24.118
Belastingadvies 75.248 6.850
Andere opdrachten buiten de revisorale 575.733 -
SUBTOTAAL 1.243.313 569.512
EURO 2014 2013
Bezoldigingen van personen met wie de commissaris verbonden is voor de
uitoefening van een mandaat van commissaris voor de Groep (Buitenlandse
vennootschappen)
1.105.595 1.059.373
Bezoldiging van personen met wie de commissaris verbonden is voor uitzonderlijke
werkzaamheden of bijzondere opdrachten uitgevoerd voor de Groep
Andere controle 108.948 18.681
Belastingadvies 78.779 30.631
Andere opdrachten buiten de revisorale 263.411 188.820
SUBTOTAAL 1.556.733 1.297.505
TOTAAL 2.800.046 1.867.017

De honoraria voor de audit van de financiële staten bevatten honoraria voor de audit van de geconsolideerde jaarrekening alsook de honoraria voor de audit van de financiële staten van dochterondernemingen in België en in het buitenland. De andere opdrachten buiten de revisorale omvatten adviesverlening in het kader van speciale opdrachten.

VERSLAG VAN DE COMMISSARIS AAN DE ALGEMENE VERGADERING VAN AGFA-GEVAERT NV OVER HET BOEKJAAR AFGESLOTEN OP 31 DECEMBER 2014

Overeenkomstig de wettelijke bepalingen, brengen wij u verslag uit in het kader van ons mandaat van commissaris. Dit verslag omvat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2014, zoals hieronder gedefinieerd, en omvat tevens ons verslag betreffende overige door wet- en regelgeving gestelde eisen.

Verslag over de geconsolideerde jaarrekening - oordeel zonder voorbehoud

Wij hebben de controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van Agfa-Gevaert NV ('de Vennootschap') en haar dochterondernemingen (samen 'de Groep') opgesteld in overeenstemming met International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften. Deze geconsolideerde jaarrekening omvat de geconsolideerde balans op 31 december 2014, de geconsolideerde winst- en verlies rekening en geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, het geconsolideerde mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerde kasstroomoverzicht voor het boekjaar afgesloten op die datum, evenals een toelichting die een overzicht van de voornaamste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige informatieverschaffing bevat. Het geconsolideerde balanstotaal bedraagt 2.548 miljoen euro en de geconsolideerde winst- en verlies rekening sluit af met een winst van het boekjaar van 59 miljoen euro.

Verantwoordelijkheid van het bestuursorgaan voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening

Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met International Financial Reporting Standards (IFRS), zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor het implementeren van een interne beheersing die het bestuursorgaan noodzakelijk acht voor het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening die geen afwijkingen van materieel belang bevat, die het gevolg zijn van fraude of van fouten.

Verantwoordelijkheid van de commissaris

Het is onze verantwoordelijkheid een oordeel over deze geconsolideerde jaarrekening tot uitdrukking te brengen op basis van onze controle. Wij hebben onze controle volgens de internationale controlestandaarden (ISA's) uitgevoerd. Die standaarden vereisen dat wij aan de deontologische vereisten voldoen alsook de controle plannen en uitvoeren om een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen dat de geconsolideerde jaarrekening geen afwijkingen van materieel belang bevat.

Een controle omvat werkzaamheden ter verkrijging van controle-informatie over de in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen bedragen en toelichtingen. De geselecteerde werkzaamheden zijn afhankelijk van de beoordeling door de commissaris, met inbegrip van diens inschatting van de risico's van een afwijking van materieel belang in de geconsolideerde jaarrekening als gevolg van fraude of van fouten. Bij het maken van die risico-inschatting neemt de commissaris de interne beheersing van de Groep in aanmerking die relevant is voor het opstellen door de Vennootschap van de geconsolideerde jaarrekening, die een getrouw beeld geeft, teneinde controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar die niet gericht zijn op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne beheersing van de Groep. Een controle omvat tevens een evaluatie van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en van de redelijkheid van door het

bestuursorgaan gemaakte schattingen, alsmede een evaluatie van de presentatie van de geconsolideerde jaarrekening als geheel.

Wij hebben van de verantwoordelijken en van het bestuursorgaan van de Vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.

Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is om daarop ons oordeel zonder voorbehoud te baseren.

Oordeel zonder voorbehoud

Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening, een getrouw beeld van het vermogen en de geconsolideerde financiële toestand van de Groep op 31 december 2014 evenals van haar geconsolideerde resultaten en geconsolideerde kasstromen voor het boekjaar eindigend op die datum, in overeenstemming met International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.

Verslag betreffende overige door wet- en regelgeving gestelde eisen

Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening.

In het kader van ons mandaat en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden, is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, de naleving van bepaalde wettelijke en bestuursrechterlijke voorschriften na te gaan. Op grond hiervan doen wij de volgende bijkomende verklaring die niet van aard is om de draagwijdte van ons oordeel over de geconsolideerde jaarrekening te wijzigen:

• Het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening behandelt de door de wet vereiste inlichtingen, stemt in alle van materieel belang zijnde opzichten overeen met de geconsolideerde jaarrekening en bevat geen van materieel belang zijnde inconsistenties ten aanzien van de informatie waarover wij beschikken in het kader van ons mandaat.

Kontich, 7 april 2015

KPMG Bedrijfsrevisoren Commissaris vertegenwoordigd door

Filip De Bock Bedrijfsrevisor

Statutaire Rekeningen

De volgende bladzijden zijn uittreksels van de statutaire jaarrekening van Agfa-Gevaert NV, opgesteld overeenkomstig de Belgische boekhoudkundige regels. Het verslag van de Raad van Bestuur aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders en de jaarrekening van Agfa-Gevaert NV zullen samen met het verslag van de commissaris-revisor gedeponeerd worden bij de Nationale Bank van België binnen de statutair bepaalde termijn. Deze documenten zijn op aanvraag verkrijgbaar bij de afdeling Investor Relations van de Vennootschap en beschikbaar op www.agfa.com/investorrelations.

Alleen de geconsolideerde jaarrekening vervat in de voorafgaande bladzijden geeft een correct en betrouwbaar beeld van de financiële situatie en de prestaties van de Agfa-Gevaert Groep. Het statutair verslag van de commissaris-revisor bevat geen bemerkingen en verklaart dat de niet-geconsolideerde jaarrekening van Agfa-Gevaert NV over het jaar, dat eindigde op 31 december 2014, een correct en betrouwbaar beeld geeft van de financiële situatie en de resultaten van de Vennootschap, en dit in overeenstemming met alle wettelijke en statutaire bepalingen.

SAMENVATTING VAN DE JAARREKENING AGFA-GEVAERT NV - RESULTATENREKENING

(MILJOEN EURO) 2014 2013
I. Bedrijfsopbrengsten
A. Omzet 509 614
B. Voorraad goederen in bewerking en gereed product en bestellingen in uitvoering
(toename +, afname -)
(4) (17)
C. Geproduceerde vaste activa 18 21
D. Andere bedrijfsopbrengsten 118 134
Totale bedrijfsopbrengsten 641 752
II. Bedrijfskosten
A. Handelsgoederen, grond- en hulpstoffen
1. Aankopen 269 354
2. Voorraad (toename -, afname +) 4 3
B. Diensten en diverse goederen 104 113
C. Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen 218 214
D. Afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten, (toevoegingen
+, bestedingen en terugnemingen -) op immateriële en materiële vaste activa
28 27
E. Waardeverminderingen op voorraden, op bestellingen in uitvoering
en op handelsvorderingen (toevoegingen +, terugnemingen -)
1 (5)
F. Voorzieningen voor risico's en kosten (17) (19)
G. Andere bedrijfskosten 5 21
Totale bedrijfskosten 612 708
III. Bedrijfswinst/-verlies 29 44
IV. Financiële opbrengsten 60 82
V. Financiële kosten (136) (150)
VI. Winst/verlies uit de gewone bedrijfsuitoefening vóór belasting (47) (24)
VII. Uitzonderlijke opbrengsten 1 0
VIII. Uitzonderlijke kosten (2) (1)
IX. Winst/verlies van het boekjaar vóór belasting (48) (25)
IXbis. Overboeking aan de uitgestelde belastingen 0 0
X. Belastingen op het resultaat 2 3
XI. Winst/verlies van het boekjaar (46) (22)
XII. Overboeking naar belastingvrije reserves 0 0
XIII. Te bestemmen winst/verlies van het boekjaar (46) (22)
Resultaatverwerking
A. Te bestemmen winstsaldo 385 431
1. Te bestemmen winst/verlies van het boekjaar (46) (22)
2. Overgedragen winst van het vorig boekjaar 431 453
B. Onttrekking aan het eigen vermogen 0 0
C. Toevoeging aan het eigen vermogen 0 0
D. Over te dragen winst (verlies) 385 431
F. Uit te keren winst 0 0

SAMENVATTING VAN DE JAARREKENING AGFA-GEVAERT NV - BALANS

MILJOEN EURO 31 december 2014 31 december 2013
Activa
I. Oprichtingskosten 2 2
II. Immateriële vaste activa 32 35
III. Materiële vaste activa 16 20
IV. Financiële vaste activa 3.109 3.483
V. Vorderingen op meer dan één jaar 0 0
VI. Voorraden en bestellingen in uitvoering 89 98
VII. Vorderingen op ten hoogste 1 jaar 282 363
VIII. Geldbeleggingen 25 9
IX. Liquide middelen 65 17
X. Overlopende rekeningen 3 1
3.623 4.028
MILJOEN EURO 31 december 2014 31 december 2013
Verplichtingen
I. Kapitaal 187 187
II. Uitgiftepremies 211 211
IV. Reserves 417 417
V. Overgedragen winst 385 431
VI. Kapitaalsubsidies 1 0
1.201 1.246
VII. Voorzieningen en uitgestelde belastingen 61 79
VIII. Schulden op meer dan 1 jaar 50 189
IX. Schulden op ten hoogste 1 jaar 2.296 2.492
X. Overlopende rekeningen 15 22
3.623 4.028

Corporate Governance Verklaring

De Vennootschap heeft beslist om de Belgische Corporate Governance Code 2009 als referentiecode toe te passen. Deze Code kan worden geraadpleegd op de website www.corporategovernancecommittee.be.

Tenzij anders aangegeven in de relevante secties van deze verklaring, past de Vennootschap de Belgische Corporate Governance Code 2009 volledig toe. Het volledige Corporate Governance Charter van de Vennootschap is gepubliceerd op de website: www.agfa.com/investorrelations.

Deze Corporate Governance Verklaring is tevens in overeenstemming met de Corporate Governance Wet van 6 april 2010, zoals gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 23 april 2010. Deze Corporate Governance Wet kan worden geraadpleegd op de website van het Belgisch Staatsblad: www.staatsblad.be. Het Remuneratieverslag maakt deel uit van deze Corporate Governance Verklaring.

De bestuursstructuur van de Vennootschap is opgebouwd rond de Raad van Bestuur, de Chief Executive Officer (CEO) en het Executive Committee (Exco). De Raad van Bestuur wordt bijgestaan door een Benoemings- en Remuneratiecomité en een Auditcomité

Raad van Bestuur

De Raad van Bestuur is als hoogste bestuursorgaan bevoegd om alle handelingen te verrichten die noodzakelijk of nuttig zijn voor de verwezenlijking van het maatschappelijk doel, met uitzondering van die waarvoor volgens de wet alleen de Algemene Aandeelhoudersvergadering bevoegd is (onder meer de wijziging van de statuten, kapitaalverhoging buiten toegestaan kapitaal, kapitaalvermindering).

De bevoegdheden en werking van de Raad van Bestuur worden in extenso beschreven in het Corporate Governance Charter.

De statuten bepalen dat de Raad van Bestuur vergadert wanneer het belang van de Vennootschap dit vereist of wanneer twee bestuurders hierom verzoeken. In 2014 vonden er negen effectieve vergaderingen plaats, evenals enkele korte besprekingen per 'conference call'.

De Raad van Bestuur vergaderde en besliste tijdens 2014 onder meer over: het bepalen van de bedrijfsstrategie en van de belangrijkste beleidslijnen, de vooruitzichten voor 2015 en de actieplannen voor de volgende jaren, de aanbevelingen gedaan door de verschillende Comités van de Raad van Bestuur, het risicomanagement, de goedkeuring van budgetten, kostenbeheersingscenario's, de evolutie van belangrijke juridische geschillen en de goedkeuring van de jaarrekeningen.

Bestuurders die mogelijkerwijs een belangenconflict hebben met betrekking tot een agendapunt moeten dit voor iedere beraadslaging melden en moeten zich onthouden van beraadslaging en stemming over dat onderwerp. Meer in het bijzonder mogen bestuurders zich niet in conflictsituaties plaatsen zoals beschreven in het Corporate Governance Charter van de Vennootschap. Wanneer een dergelijke situatie zich tegen hun wil in alsnog voordoet, dan moeten zij dit bekendmaken voor enige beraadslaging met betrekking tot het bewuste agendapunt plaatsvindt en zich onthouden van beraadslaging en stemming hierover. In 2014 heeft zich één situatie voorgedaan waarbij een bestuurder rechtstreeks of onrechtstreeks een belangenconflict had met een beslissing van de Raad van Bestuur. De heer Christian Reinaudo verklaarde tijdens de Raad van Bestuur van 11 maart 2014, dat hij in verband met het LTIP, een item waarover deze vergadering van de Raad van Bestuur diende te beslissen, in een toestand van belangenconflict verkeerde.

Overeenkomstig artikel 523 van het Wetboek van Vennootschappen, wordt een Nederlandstalige vertaling van de notulen in verband hiermee hieronder opgenomen.

"De Voorzitter van het Benoemings- en Remuneratiecomité informeerde de Raad eveneens over de discussie die gehouden werd in verband met het "Long Term Incentive Plan". Het Benoemings- en Remuneratiecomité heeft de aanbeveling aan de Raad geformuleerd om het voorgestelde plan, zoals gewijzigd door het Benoemings- en Remuneratiecomité, goed te keuren. De Voorzitter van het Benoemings- en Remuneratiecomité informeerde de Raad eveneens dat hij persoonlijk zich onthouden heeft bij het formuleren van de aanbeveling en dat hij zich ook zal onthouden van de beslissing van de Raad van Bestuur over dit onderwerp, aangezien hij persoonlijk gekant is tegen het principe van de

toekenning van aandelenopties. De CEO informeerde de Raad vervolgens dat hij een belangenconflict heeft in verband met de voorgestelde motie, aangezien hij een mogelijke begunstigde onder het plan zou zijn. De Voorzitter legde de motie vervolgens ter beslissing voor, en de Raad van Bestuur besliste als volgt: De Raad besluit met eenparigheid van stemmen doch met uitzondering van de heer C. Leysen, die zich onthield van deelname aan de stemming en met uitzondering van de heer C. Reinaudo, die zich onthield van deelname aan de beraadslaging en de stemming, om het principe van het "Long Term Incentive Plan" zoals besproken tijdens de vergadering van het Benoeming- en Remuneratiecomité goed te keuren en om het voorleggen van de volgende resolutie tijdens de aandeelhoudersvergadering van 13 mei 2014 goed te keuren: De Algemene Vergadering besluit om het voorstel van de Raad van Bestuur goed te keuren, waarin onder bepaalde voorwaarden de IXe Tranche van het Long Term Incentive Plan geactiveerd zal worden voor de in aanmerking komende leden van het Executive Management, kaderleden van Niveau I of II en bepaalde andere werknemers, in overeenstemming met de principes beschreven in de Term Sheet die beschikbaar is op de Investor Relations sectie van de website van de Vennootschap en om ongeveer 4.060.000 opties toe te kennen. De Raad van Bestuur zal enkel opties toekennen aan de begunstigden indien de slotkoers van de aandelen op Euronext Brussels hoger is dan 3,45€ (drie euro vijfenveertig cent) gedurende de laatste 30 kalenderdagen voorafgaand aan de datum van aanbieding. De Raad besluit verder tot machtiging van het Executive Management om terzake alle documenten te tekenen en in het algemeen, in deze alle nuttige handelingen te stellen".

Samenstelling van de Raad van Bestuur

De statuten bepalen dat de Raad van Bestuur samengesteld is uit ten minste zes leden, al dan niet aandeelhouders, die benoemd worden voor een hernieuwbare termijn van maximum vier jaar. Minstens de helft van de leden zijn 'nietuitvoerende bestuurders', en minstens drie van hen zijn onafhankelijk.

Aan de mandaten van Pamica NV, met als vaste vertegenwoordiger Michel Akkermans, van Willy Duron en van Roland Junck als bestuurders van de Vennootschap, zou een einde komen onmiddellijk na de Jaarvergadering van 13 mei 2014.

Tijdens de Jaarvergadering van 13 mei 2014 werden Pamica NV, met als vaste vertegenwoordiger Michel Akkermans, en Willy Duron, als onafhankelijke bestuurders, herbenoemd voor een nieuwe termijn van vier (4) jaar. Roland Junck stelde zich niet herkiesbaar.

De Raad van Bestuur van 24 juni 2014 heeft het ontslag als bestuurder en voorzitter van De Wilde J. Management BVBA, vertegenwoordigd door Julien De Wilde, aanvaard en heeft Julien De Wilde benoemd als onafhankelijk bestuurder ter vervanging van De Wilde J. Management BVBA, vertegenwoordigd door Julien De Wilde. De duur van zijn opdracht werd vastgesteld tot de volgende Jaarvergadering. Julien De Wilde werd tevens benoemd tot Voorzitter van de Raad van Bestuur.

Sedert 24 juni 2014 bestaat de Raad van Bestuur dan ook uit de hiernavolgende zes leden:

  • Julien De Wilde(1), Voorzitter, lid sinds 2006, Bestuurder van vennootschappen;
  • CRBA Management BVBA, met als vaste vertegenwoordiger Christian
  • Reinaudo, CEO, lid sinds 2010, Bestuurder van vennootschappen; • Pamica NV(1), met als vaste vertegenwoordiger Michel Akkermans, lid sinds 2008, Bestuurder van vennootschappen;
  • Mercodi BVBA, met als vaste vertegenwoordiger Jozef Cornu, lid sinds 2002, Bestuurder van vennootschappen;

  • Willy Duron(1), lid sinds 2008, Bestuurder van vennootschappen;

  • Christian Leysen, lid sinds 2003, Bestuurder van vennootschappen.

(1) ONAFHANKELIJK BESTUURDER IN DE ZIN VAN ARTIKEL 526TER VAN HET WETBOEK VAN VENNOOTSCHAPPEN.

Aan de bestuurdersmandaten van de heren Julien De Wilde en Christian Leysen zal een einde komen onmiddellijk na de Jaarvergadering van 12 mei 2015. Enkel de heer Julien De Wilde stelt zich herkiesbaar.

Aan de aandeelhouders zal tijdens de Jaarvergadering op 12 mei 2015 worden voorgesteld om Julien De Wilde als bestuurder te herbenoemen voor een nieuwe termijn van vier (4) jaar. Aangezien, in het geval van herbenoeming, dit voor Julien De Wilde zijn vierde opeenvolgende mandaat als niet-uitvoerend bestuurder zal zijn, zal hij niet langer voldoen aan de criteria van artikel 526ter van het Wetboek van Vennootschappen om als onafhankelijk bestuurder te worden beschouwd.

Om er voor te zorgen dat er op het niveau van de Raad van Bestuur een voldoende aantal onafhankelijke bestuurders aanwezig zijn, zal aan de aandeelhouders eveneens worden voorgesteld om Mevrouw Viviane Reding en Mevrouw Hilde Laga te benoemen tot onafhankelijk bestuurders voor een periode van vier (4) jaar. De Raad van Bestuur is ervan overtuigd dat deze kandidaten de juiste competenties en kwaliteiten hebben om waardevolle leden van de Raad te worden, zoals blijkt uit hun onderstaande CV's.

Hilde Laga (°1956 - Belg) wordt algemeen erkend als een Belgische autoriteit inzake adviesverlening op het vlak van vennootschapsrecht. Tot 2014 combineerde zij haar werk als advocaat met een erg gewaardeerde academische carrière. Hilde Laga werd geboren in 1956 in Roeselare, België. Nadat ze een doctoraat behaalde in de rechten aan de KU Leuven, richtte zij het advocatenkantoor Laga op, dat zij leidde als managing partner en als hoofd van de corporate M&A praktijk tot in 2013. Momenteel bestaat het kantoor Laga uit ongeveer 150 advocaten, met kantoren in Brussel, Antwerpen en Kortrijk, en is het één van de vooraanstaande advocatenkantoren in België. Als advocaat was zij betrokken bij talrijke belangrijke transacties en geschillen.

Als professor aan de bekende Belgische universiteit van Leuven, doceert Hilde vennootschapsrecht. Over dit onderwerp heeft zij talrijke nationale en internationale publicaties op haar naam.

In 2014 is Hilde Laga toegetreden tot de Raad van Bestuur van Barco NV, Aedifica NV en Greenyard Foods NV. Ze is lid van de Belgische Corporate Governance Commissie en was verschillende jaren lid van de Raad van Toezicht van de FSMA (vroeger CBFA).

Daarnaast is zij eveneens bestuurder in een aantal verenigingen zonder winstoogmerk zoals de Raad van Bestuur van de KU Leuven en haar universitair ziekenhuis.

Viviane Reding (°1951 - Luxemburgse) is één van de meest prominente persoonlijkheden in Europa, met op haar palmares 3 termijnen als lid van de Europese Commissie en 2 termijnen als Lid van het Europees Parlement.

Na het behalen van haar doctoraat (Sorbonne Universiteit, Parijs), werkte Viviane Reding 20 jaar als professioneel journaliste. In 1999, na 10 jaar in het Luxemburgs Parlement en 10 jaar in het Europees Parlement gezeteld te hebben, werd ze Europees Commissaris voor Onderwijs, Cultuur, Jeugdzaken en Sport. In haar eerste termijn drukte zij het 'Erasmus World' programma erdoor, resulterend in een wereldwijde samenwerking tussen universiteiten en uitwisseling van studenten. Ze verbeterde ook het MEDIA programma voor de promotie van de Europese films.

In 2004 werd ze EU Commissaris voor Informatie, Samenleving en Media. In die hoedanigheid won ze een grote zaak tegen telecomoperatoren, waarbij ze erin geslaagd is om de mobiele roamingtarieven met 70% te verlagen. Ze heeft een grote rol gespeeld bij de reorganisatie van de Europese telecomsector, door het openstellen van de interne markt voor concurrentie. In die periode heeft ze ook het Europees Onderzoeksdomein gereorganiseerd door de technologische onderzoeksplatformen te versterken.

In 2010 werd ze eerste Ondervoorzitter en EU Commissaris verantwoordelijk voor Justitie, Fundamentele Rechten en Burgerschap. Ze zorgde voor een waar Justitiebeleid op Europees niveau. Door het lanceren van een aantal baanbrekende voorstellen op vlak van burgerlijk-, handels-, consumenten- en strafrecht, legde zij de basis voor een Europese justitieruimte. Zij was grondlegger van het hoofdstuk 'Justice for Growth', dat ervoor zorgde dat zowel bedrijven als consumenten hun rechten in de Europese eenheidsmarkt volledig kunnen laten gelden. Dit hoofdstuk bevat voorstellen op het gebied van consumentenrechten, grensoverschrijdende invordering van schulden en erkenning van documenten, vrouwen in raden van bestuur, een gemeenschappelijk Europees kooprecht en de hervorming van de EU- gegevensbeschermingsregels.

Viviane Reding heeft talrijke nationale, Europese en culturele prijzen ontvangen, alsook een aantal doctoraten 'Honoris Causa' vanwege universiteiten. Ze heeft vele artikels gepubliceerd, hoofdzakelijk over de reorganisatie van Europese Instellingen, over de verdere ontwikkeling van de Europese Unie in een Federale Politieke Unie, alsook over economisch en financieel bestuur.

CV's van de leden van de Raad van Bestuur

Julien De Wilde (°1944 - Belg) behaalde het diploma van burgerlijk ingenieur aan de Katholieke Universiteit Leuven (België). Vanaf 1969 oefende hij verschillende managementfuncties uit bij Texaco. In 1986 werd hij benoemd tot lid van de Europese Raad van Texaco in New York. In 1988 ging hij het onderzoek- en business development-centrum van Recticel leiden. Een jaar later trad hij toe tot het Directiecomité van Alcatel Bell. Hij droeg er de verantwoordelijkheid voor strategie en algemene diensten. Van 1995 tot 1998 was Julien De Wilde CEO van Alcatel Bell en van 1999 tot 2002 Executive Vice-President en lid van het Directiecomité van Alcatel in Parijs, verantwoordelijk voor Europa, het Midden-Oosten, Latijns-Amerika, India en Afrika. Van 1 juli 2002 tot mei 2006 was hij CEO van de Bekaert Groep.

Julien De Wilde trad toe tot Agfa's Raad van Bestuur in 2006. Sinds april 2008 is hij Voorzitter van de Raad van Bestuur.

Huidige mandaten

  • Voorzitter Nyrstar NV.
  • Ere-Voorzitter Agoria.

Christian Reinaudo (°1954 - Fransman) studeerde af aan de 'Ecole de Physique et de Chimie Industrielles de Paris' en heeft een doctoraat van de Universiteit van Parijs (Frankrijk). Hij startte zijn loopbaan bij Alcatel (toen nog 'Compagnie Générale d'Electricité') in 1978 in het Onderzoeks- en Ontwikkelingscentrum van Marcoussis (Frankrijk). Tijdens zijn Alcatelperiode leidde hij activiteiten met een omzet van verschillende miljarden euro en internationale verkoopen serviceorganisaties.

Van 1984 tot 1996 bekleedde hij verschillende functies binnen de 'Cable'-Groep van Alcatel (nu Nexans), van onderzoek en ontwikkeling tot productie, aankoop, verkoopondersteuning en diensten.

Begin 1997 werd hij President van de Submarine Networks Divisie. Nadat hij in 1999 tot President van de hele Optics Groep werd benoemd, trad hij begin 2000 toe tot het Directiecomité van Alcatel als Executive Vice-President. In 2003 werd hij benoemd tot President van Alcatel Asia Pacific en verhuisde hij naar Shanghai (China) waar hij verbleef tot 2006. In die periode was hij ook de Ondervoorzitter van de Raad van Bestuur van Alcatel Shanghai Bell, de Chinese joint venture tussen Alcatel en de Chinese overheid. Na zijn terugkeer naar Parijs in 2006 werd hij verantwoordelijk voor het management van het integratie- en transitieproces als gevolg van de fusie van Alcatel en Lucent Technologies. Hij ging ook deel uitmaken van de Raad van Bestuur van Draka Comteq (Nederland). In 2007 werd hij benoemd tot President van Alcatel-Lucent Noord- en Oost-Europa en trad hij toe tot de Raad van Bestuur van Alcatel-Lucent (België). Begin 2008 stapte Christian Reinaudo over naar Agfa-Gevaert waar hij President van Agfa HealthCare werd.

Christian Reinaudo trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2010. Op 1 mei 2010 werd hij tevens CEO van Agfa-Gevaert.

Michel Akkermans (°1960 - Belg) behaalde een diploma van ingenieur in de elektronica en de computerwetenschappen en een diploma in de economie en financiën aan de Katholieke Universiteit Leuven (België). Hij is serie-ondernemer en investeerder. Hij bekleedde managementfuncties bij een aantal internationale bankinstellingen en technologiebedrijven alvorens in 1989 FICS op te richten, een toonaangevende softwarespecialist op het vlak van online-bankieren en financiële rapportering. In 1999 fuseerde FICS met Security First Technologies tot S1 Corporation, de marktleider op het vlak van bankieren via het internet. Michel Akkermans werd Voorzitter van deze groep. In 2001 werd hij Voorzitter en CEO van Clear2Pay, een vernieuwende e-finance-onderneming,

gespecialiseerd in wereldwijd toepasbare oplossingen voor beveiligde elektronische betalingen. In 2014 werd Clear2Pay overgenomen door FIS.

Michel Akkermans trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2008.

Huidige mandaten

• Bestuurder Quest for Growth, Capricorn ICT Arkiv, Citymesh, Approach , Awingu, nCentric, NGData, Connective, Seaters, Volta Ventures.

Jo Cornu (°1944 - Belg) studeerde af als burgerlijk ingenieur elektrotechniek en werktuigkunde aan de Katholieke Universiteit Leuven (België) en hij behaalde een PhD diploma elektronica aan de Carlton University in Ottawa (Canada). Jo Cornu was CEO van Mietec van 1982 tot 1984 en daarna General Manager van Bell Telephone tot 1987. Van 1988 tot 1995 was hij lid van het Directiecomité van Alcatel NV en van 1995 tot 1999 COO van Alcatel Telecom. Daarna werd hij adviseur van de Voorzitter van de Raad van Bestuur van Alcatel. Van 2005 tot 2007 was Jo Cornu voorzitter van de ISTAG groep (Information Society Technologies Advisory Group) van de Europese Commissie. Van begin maart 2007 tot einde januari 2008 was hij voorzitter van Medea+, de Eureka Cluster voor Microelektronica Research in Europa. Van december 2012 tot november 2013 was hij Voorzitter van de Raad van Bestuur van Electrawinds SE. Sedert november 2013 is hij CEO van de NMBS.

Jo Cornu trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2002. Eind november 2007 werd Jo Cornu tot CEO van Agfa-Gevaert benoemd. Hij legde zijn mandaat van CEO neer met ingang van 1 mei 2010.

Huidige mandaten

  • CEO bij de NMBS
  • Bestuurder KBC Groep NV en Belgacom NV van publiek recht.

Willy Duron (°1945 - Belg) is licentiaat in de wiskunde (Rijksuniversiteit Gent, België) en licentiaat in de actuariële wetenschappen (Katholieke Universiteit Leuven, België). Hij begon zijn loopbaan in 1970 als actuaris bij ABB verzekeringen (Assurantie van de Belgische Boerenbond) waar hij in 1984 directeur Leven en Herverzekering en later Adjunct-Directeur-Generaal werd. In 2000 werd hij Voorzitter van het Directiecomité van KBC Verzekeringen NV, en in 2003 Voorzitter van het Directiecomité van KBC Bankverzekeringsholding NV. Vanaf begin 2005 tot het najaar van 2006 was hij CEO van KBC Groep NV.

Willy Duron trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2008.

Huidige mandaten

  • Bestuurder van Tigenix, Ravago Plastics NV, Van Breda Risk & Benefits, Universitair Centrum St.-Jozef en de Universitaire Ziekenhuizen Leuven, Windvision.
  • Lid van het orgaan van toezicht van Van Lanschot Bankiers.

Christian Leysen (°1954 - Belg) behaalde de diploma's van handelsingenieur en licentiaat in de rechten aan de Vrije Universiteit Brussel (België). In 1984 richtte hij Xylos op, een dienstverlener in informatie- en communicatietechnologie. In 1989 werd hij verantwoordelijk voor het dagelijkse bestuur van het maritieme en logistieke bedrijf Ahlers. Sinds 1994 is hij er CEO.

Christian Leysen trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2003.

Huidige mandaten

  • Uitvoerend Voorzitter Ahlers NV, Voorzitter Xylos NV, Axe Investments NV en Designcenter De Winkelhaak NV.
  • Bestuurder Egemin NV, Astra Immo, Astros Logistic Center, BIM NV, ALC International.

Comités opgericht door de Raad van Bestuur

Audit Committee (AC)

Het Auditcomité vervult de taken zoals omschreven in artikel 526bis§4 van het Wetboek van Vennootschappen en staat de Raad van Bestuur bij in het uitoefenen van zijn opdracht van controle in de ruimste betekenis van het woord. Zijn bevoegdheden en werking worden in extenso beschreven in hoofdstuk 5.1 van het Corporate Governance Charter.

Het Auditcomité bestaat sinds 26 August 2014, datum waarop de heer J.De Wilde tot het comité toetrad, uit drie niet-uitvoerende bestuurders: de heer W. Duron, Voorzitter, en de heren J. De Wilde en J. Cornu. Twee ervan zijn onafhankelijke bestuurders. Aangezien de heer J. De Wilde bij herbenoeming door de Algemene Vergadering niet langer zal voldoen aan de criteria van onafhankelijkheid zoals voorzien in de Belgische wetgeving, zal de samenstelling van dit Comité in 2015 herzien dienen te worden. Al deze heren voldoen aan de vereisten van artikel 526bis§2 van het Wetboek van Vennootschappen inzake deskundigheid op het gebied van boekhouding en audit. Het Comité had vijf zittingen in 2014.

Onder meer de volgende agendapunten werden in de loop van 2014 behandeld: het nazicht van de jaarrekeningen 2013, de kwartaalresultaten van 2014 en de rapporten van de interne auditafdeling, de opvolging van belangrijke juridische zaken zoals het AgfaPhoto-dossier en de evaluatie van het risicomanagement in de Groep.

Benoemings- en Remuneratiecomité (BRC)

Het Benoemings- en Remuneratiecomité werd door de Raad van Bestuur belast met verantwoordelijkheden inzake de voordracht voor benoeming, herbenoeming en ontslag van Bestuurders en leden van het Executive Management, het remuneratiebeleid en de individuele remuneratie van Bestuurders en leden van het Executive Management. De taken en werking van het Benoemings- en Remuneratiecomité worden in extenso beschreven in hoofdstuk 5.2 van het Corporate Governance Charter. Het Benoemings- en Remuneratiecomité bestaat uitsluitend uit niet-uitvoerende bestuurders.

Het Comité bestaat sinds 8 mei 2012, datum waarop de heer W. Duron in dit Comité benoemd werd, uit vijf leden: de heer C. Leysen, Voorzitter, en de heren J. De Wilde, M. Akkermans, J. Cornu en W. Duron. Drie ervan zijn onafhankelijke bestuurders. Aangezien enerzijds de heer C.Leysen zich niet herkiesbaar stelt als bestuurder en aangezien anderzijds de heer J. De Wilde bij herbenoeming door de Algemene Vergadering niet langer zal voldoen aan de criteria van onafhankelijkheid zoals voorzien in de Belgische wetgeving, zal de samenstelling van dit Comité in 2015 herzien dienen te worden. Het Comité had vier zittingen in 2014 en onder meer de volgende agendapunten werden in de loop van 2014 behandeld: samenstelling van de Raad van Bestuur en de Comités, het remuneratiebeleid, prestaties en remuneratie van het Executive Management en Senior Executives, pensioenverplichtingen en opstellen van het Remuneratieverslag.

Aanwezigheid op de vergaderingen van de Raad van Bestuur en de Comités

NAAM Raad AC BRC
Dhr. Julien De Wilde (1) 9/9 3/3 4/4
Dhr. Christian Reinaudo 9/9
Dhr. Michel Akkermans 7/9 3/4
Dhr. Jo Cornu 9/9 5/5 4/4
Dhr. Willy Duron 9/9 5/5 4/4
Dhr. Roland Junck (2) 1/3 0/2
Dhr. Christian Leysen 9/9 4/4

(1) LID VAN HET AC SEDERT 26 AUGUSTUS 2014.

(2) BESTUURDER TOT 12 MEI 2014.

Management van de Vennootschap

CEO en Executive Committee (Exco)

Het uitvoerend management van de Vennootschap werd toevertrouwd aan een gedelegeerd bestuurder/CEO, CRBA Management BVBA, met als vaste vertegenwoordiger de heer Christian Reinaudo, die wordt bijgestaan door een Exco. Samen vormen zij het Executive Management.

De CEO is belast met de uitvoering van het ondernemingsbeleid en de strategie bepaald door de Raad van Bestuur. Hij ontving bijgevolg de meest uitgebreide bevoegdheden inzake dagelijks bestuur en een aantal specifieke bijzondere volmachten. Deze bevoegdheden zijn in extenso opgenomen in het Corporate Governance Charter.

De CEO brengt regelmatig verslag uit over zijn werkzaamheden en over de evolutie van de dochtervennootschappen en van de deelnemingen, om de Raad van Bestuur de mogelijkheid te geven hierop controle uit te oefenen.

Sinds 29 februari 2012 is het Exco samengesteld als volgt:

  • Dhr. Kris Hoornaert, Chief Financial Officer,
  • Dhr. Stefaan Vanhooren, President Agfa Graphics,
  • Dhr. Luc Delagaye, President Agfa Materials,
  • Dhr. Luc Thijs, President Agfa HealthCare.

Interne controle- en risicobeheerssystemen met betrekking tot financiële rapportering

Agfa's Executive Management is verantwoordelijk voor de interne controle- en risicosystemen van de Groep, inclusief die met betrekking tot financiële rapportering, zoals goedgekeurd door de Raad van Bestuur. De interne controle op de financiële rapportering behelst de beoordeling van de relevante risico's en de identificatie van en het toezicht op kerncontroles en acties die genomen worden ter correctie van gebreken wanneer die geïdentificeerd worden. Het Auditcomité beoordeelt de effectiviteit van de systemen voor interne controle en risicobeheer.

Controleomgeving

Agfa's controleomgeving bestaat uit centrale finance-functies zoals consolidatie en rapportering, belastingen, treasury en investor relations enerzijds en uit finance-functies op het niveau van de drie businessgroepen anderzijds.

Alle finance-functies rapporteren (on)rechtstreeks aan de Chief Financial Officer. Alle Groepsentiteiten volgen de uniforme centrale boekhoudkundige regels en rapporteringsvereisten die zijn beschreven in Agfa's 'Group Consolidation Accounting Manual'.

Risicobeheer

Gebaseerd op maandelijkse beoordelingsvergaderingen met de centrale functies en met het management van de businessgroepen, heeft het Executive Management een proces in gebruik om op regelmatige basis de risico's, inclusief de risico's m.b.t. het financiële rapporteringsproces, te identificeren, beoordelen en op te volgen. Het rapporteert aan het Auditcomité over deze risico's. Deze risico's worden geëvalueerd door het Auditcomité, dat verdere acties kan definiëren voor het Executive Management.

Controleactiviteiten

Elke businessgroep is verantwoordelijk voor het controleren van de financiële prestaties en verwachtingen. Elke businessgroep rapporteert maandelijks aan het Executive Management. Het consolidatieproces, gebaseerd op meer uitgebreide rapportering, wordt elk kwartaal uitgevoerd. Het wordt beoordeeld door het Executive Management en het Auditcomité, die acties kunnen definiëren voor de businessgroepen en de centrale functies.

Informatie en communicatie

Alle entiteiten gebruiken uniforme centrale rapporteringstools en rapporteren in overeenstemming met de instructies en de rapporteringsrichtlijnen opgesteld door de centrale rapporteringsafdeling. Financiële informatie (inclusief 'key performance indicators') worden op een consistente basis voorbereid voor elke businessgroep en op het geconsolideerde niveau. Ze worden gecontroleerd door de aangewezen verantwoordelijke. Het Executive Management rapporteert regelmatig aan het Auditcomité over alle 'key risk factors'.

Toezicht

Een van de verantwoordelijkheden van de afdeling Corporate Controlling en Accounting is de verbetering van de procedures die gebruikt worden voor de voorbereiding en verwerking van financiële informatie. Er worden regelmatig controles uitgevoerd op de belangrijkste controleprocedures in de voorbereiding van financiële informatie in de dochterondernemingen en op Groepsniveau om te verzekeren dat de instructies en richtlijnen over financiële rapportering correct worden toegepast.

Interne Audit ziet toe op de controle van interne beleidslijnen, richtlijnen en controles m.b.t. financiële rapportering en operationele aspecten, zoals verkoop, productie en O&O. Interne Audit rapporteert aan het Auditcomité, dat toeziet op de doeltreffendheid.

De Secretaris van de Vennootschap werd benoemd tot compliance officer om de naleving te controleren van de beleidslijnen van de Vennootschap inzake de voorkoming van handel met voorkennis en marktmanipulatie door de Bestuurders en andere welbepaalde personen.

Beschrijving van de risciofactoren

Risico's in verband met markt, technologie en concurrentie

Zoals elke onderneming wordt Agfa geconfronteerd met markt- en concurrentierisico's. De traditionele beeldvormingsactiviteiten in zowel Graphics als HealthCare hebben af te rekenen met snelle technologische veranderingen.

Ze werden in het verleden ook gekenmerkt door prijserosie.

De economische crisis heeft, net zoals voor onze concurrenten, ook gevolgen voor de vraag naar onze producten. Dit is in de eerste plaats het geval voor investeringsgoederen. Maar voor Agfa Graphics en Agfa Specialty Products heeft de crisis ook een negatieve invloed op de vraag naar verbruiksgoederen.

Voorts introduceert Agfa ook een groot aantal nieuwe technologieën, zoals industriële inkjetsystemen in Graphics en systemen voor computed radiography en direct radiography en informatiesystemen in HealthCare. De markt voor digitale beeldvorming en informatietechnologie waarin Agfa meer en meer actief is, is uiterst competitief en onderhevig aan snelle veranderingen.

Grondstofkosten

Agfa doet een beroep op andere ondernemingen voor de levering van bepaalde basisgrondstoffen. De belangrijkste grondstoffen zijn aluminium en zilver. Wijzigingen in de grondstofprijzen en het niet tijdig ontvangen van de nodige grondstoffen zouden Agfa's bedrijfsvoering, bedrijfsresultaten en financiële toestand negatief kunnen beïnvloeden. Voorts kan Agfa ervoor opteren om een deel of het geheel van zijn afhankelijkheid van de grondstofprijzen in te dekken, wanneer het dit opportuun acht.

Productaansprakelijkheid

De activiteiten van de Groep kunnen Agfa blootstellen aan vorderingen voor productaansprakelijkheid. Vooral op het vlak van de HealthCare-activiteiten volgt Agfa verscheidene regulatorische systemen in verschillende landen. Om het risico van vorderingen in verband met productaansprakelijkheid te beperken, heeft Agfa een strikt beleid op het vlak van kwaliteit en kwaliteitscontrole ingevoerd en heeft het een algemene verzekeringspolis afgesloten. Agfa heeft nooit aanzienlijke verliezen geleden met betrekking tot vorderingen op het vlak van productaansprakelijkheid, maar er kan geen zekerheid bestaan dat dit in de toekomst nooit zal voorvallen.

Milieu

Agfa is onderworpen aan verscheidene milieuvereisten in de verschillende landen waarin het actief is, inclusief de vereisten in verband met luchtverontreiniging, lozing van afvalwater, beheer van gevaarlijke stoffen, het voorkomen van het lekken van stoffen en sanering. Agfa doet aanzienlijke bedrijfs- en kapitaaluitgaven om de toepasselijke normen te respecteren. Huidige en redelijkerwijze te voorziene kosten voor het naleven van wettelijke voorschriften en voor sanering zijn gedekt.

Intellectuele eigendom

Agfa bezit, heeft aanvragen in behandeling voor en heeft licenties voor tal van patenten die betrekking hebben op een veelheid van producten en softwaresystemen. De onderneming vertrouwt op een combinatie van octrooi-, auteursen merkenrecht en de wetten op handelsmerken en geheimen, vertrouwelijkheidsprocedures, handelsgeheimen, contractuele bepalingen en licentieregelingen om de eigendomsrechten vast te leggen en te beschermen. Anderzijds voert de Groep een beleid dat erop gericht is de intellectuele eigendomsrechten van derden strikt te respecteren. Hoewel Agfa er zich niet van bewust is dat er producten de intellectuele eigendomsrechten van anderen schenden, is het niet uitgesloten dat derden in de toekomst zulke inbreuken niet kunnen claimen.

Geschillen

Agfa is momenteel niet betrokken in enig belangrijk geschil, met uitzondering van de geschillen in verband met de insolventie van AgfaPhoto. Deze geschillen worden in detail behandeld in toelichting 22.2 p. 143, 22.3 p. 144 en toelichting 26 p. 147 bij de geconsolideerde jaarrekening.

Varia

Verder zijn er risico's die een negatieve invloed op de onderneming en haar activiteiten kunnen hebben en waarmee dus rekening moet worden gehouden. Voorbeelden hiervan zijn onder meer risico's in verband met de continuïteit van de productie, bijzondere waardeverminderingen op vaste activa, pensioenverplichtingen, wisselkoersschommelingen en overnames.

Meer informatie hierover vindt u in het prospectus dat naar aanleiding van de uitgifte van nieuwe aandelen eind 2010 werd gepubliceerd. Dit prospectus kan worden geraadpleegd op de Investor Relations-sectie van de website van de Groep onder de rubriek Capital Increase.

Evaluatie van de Raad van Bestuur en zijn Comités

De voornaamste elementen en kenmerken van het evaluatieproces voor de Raad van Bestuur en de Comités betreffen de beoordeling van de wijze waarop de Raad van Bestuur en de Comités werken, het nagaan of belangrijke onderwerpen grondig worden voorbereid en besproken, de beoordeling van de werkelijke bijdrage van elke bestuurder en zijn betrokkenheid bij de bespreking en besluitvorming. Het volledige evaluatieproces wordt in extenso uiteengezet in de hoofdstukken 3, 4 en 5 van het eerder vermelde Corporate Governance Charter.

De laatste formele evaluatie vond plaats in 2013, waarbij er op initiatief van de Voorzitter van de Raad van Bestuur en in samenwerking met de Voorzitter van het Benoemings- en Remuneratiecomité een intern evaluatieproces werd opgestart waarbij er contacten werden gelegd met de leden van de Raad van Bestuur en van het Executive Management om enerzijds de werking van de Raad en het Executive Management (zowel als college als individueel) en anderzijds de samenwerking en de relatie tussen beide colleges te evalueren.

De criteria die in overweging genomen werden tijdens de evaluatie betroffen zowel de omvang, de samenstelling en de performantie van de Raad van Bestuur en de Comités als de kwaliteit van de interactie tussen Raad van Bestuur en Executive Management. De resultaten werden enerzijds bepaald op basis van de antwoorden die gegeven werden op een vragenlijst (bestaande uit een zeventigtal vragen onderverdeeld in een tiental hoofdstukken), en anderzijds de feedback die gegeven werd tijdens individuele gesprekken.

In de jaren dat er geen formele evaluatie plaatsvindt, informeert de Voorzitter van de Raad van Bestuur op regelmatige tijdstippen informeel bij de leden van de Raad van Bestuur en van het Executive Management over het functioneren van de verschillende organen.

Beleid inzake genderdiversiteit

De Raad van Bestuur heeft kennis genomen van de Belgische wet van 28 juli 2011 met betrekking tot genderdiversiteit op niveau van de Raad van Bestuur. De initiatieven die de Raad van Bestuur sinds 2013 heeft genomen, zoals het vastleggen van een profiel voor mogelijke kandidaten en een opdracht aan het Benoemings- en Remuneratiecomité om kandidaten die voldoen aan dit profiel aan te bevelen aan de Raad, hebben vrucht afgeworpen en hebben het de Raad mogelijk gemaakt om twee nieuwe kandidaat-bestuurders voor te dragen aan de Jaarvergadering te houden in 2015. Als zij benoemd worden, zal de Vennootschap ook goed op weg zijn om te voldoen aan de toekomstige wettelijke verplichtingen in België.

Beleid inzake de besteding van het resultaat

De voorstellen van de Raad van Bestuur aan de Algemene Aandeelhoudersvergadering met betrekking tot de besteding en verdeling van het resultaat houden rekening met verscheidene factoren, zoals de financiële situatie van de Vennootschap, de resultaten uit bedrijfsactiviteiten, de huidige en verwachte kasstromen en de expansieplannen.

Beleid inzake effectenhandel in aandelen van de Vennootschap

Agfa-Gevaert stelde reeds onmiddellijk na de beursgang in 1999, overeenkomstig haar principes en waarden, een Verhandelingscode (Code of Dealing) op. Die Code bevat de regels die door de bestuurders en het senior management moeten worden nageleefd in het geval zij financiële instrumenten willen verhandelen van de Vennootschap. De Code verbiedt voormelde personen o.m. om te handelen gedurende welomschreven periodes voor de bekendmaking van haar financiële resultaten en voor de bekendmaking van andere koersgevoelige informatie. Agfa-Gevaert heeft in het licht van de Wet van 2 augustus 2002 en het KB van 5 maart 2006 betreffende marktmisbruik, de voormelde Code aangepast om ze in overeenstemming te brengen met de huidige wettelijke reglementering ter zake. De aangepaste versie van de Code bevindt zich op de website en op het intranet van de Vennootschap als onderdeel van het Corporate Governance Charter.

Belangrijke gebeurtenissen die na 31 december 2014 hebben plaatsgevonden en inlichtingen over de omstandigheden die de ontwikkeling van de Groep aanmerkelijk kunnen beïnvloeden

Dergelijke gebeurtenissen hebben zich niet voorgedaan.

Informatie over de onderzoek- en ontwikkelingsactiviteiten

Zie hoofdstuk Innovatie van p. 19 tot p. 23.

Informatie over het bestaan van bijkantoren van de Vennootschap

Agfa-Gevaert NV heeft een bijhuis in het Verenigd Koninkrijk (Agfa Materials UK).

Informatie over het gebruik van afgeleide financiële instrumenten

Om het risico van de wisselkoersen en de interestwijzigingen te minimaliseren worden passende dekkingscontracten ingezet. Daartoe behoren voornamelijk

termijnverrichtingen in vreemde munten, optiecontracten en interestswaps. Het inzetten ervan gebeurt volgens uniforme richtlijnen, is onderworpen aan interne controles en blijft beperkt tot het indekken van de operationele activiteiten en de daarmee verbonden geldbeleggingen en financiële transacties. Meer informatie hierover is te vinden in de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening.

Commissaris

De commissaris van Agfa-Gevaert NV is KPMG Bedrijfsrevisoren, vertegenwoordigd door de heer Filip De Bock. De commissaris werd op de Jaarvergadering van 14 mei 2013 herbenoemd voor een periode van drie jaar. Zijn mandaat zal ten einde lopen onmiddellijk na de Jaarvergadering van 2016. De honoraria in verband met diensten geleverd door KPMG Bedrijfsrevisoren bedroegen in 2014 wereldwijd 2.800.046 euro. Hiervan heeft 1.644.139 euro betrekking op audit-honoraria voor het nazicht van de jaarrekeningen, 162.736 euro op andere controleopdrachten, 154.027 euro op prestaties in verband met belastingen en 839.144 euro voor andere prestaties buiten de opdrachten als revisor.

Informatie over belangrijke deelnemingen

Op grond van de informatie waarover de Vennootschap beschikt ingevolge transparantieverklaringen die overeenkomstig de wettelijke en statutaire bepalingen ter zake werden ontvangen, zijn de belangrijkste aandeelhouders op datum van dit jaarverslag:

  • Classic Fund Management AG met tussen 5% en 10% van de uitstaande aandelen sinds 1 september 2008;
  • JP Morgan Securities Ltd. met tussen 3% en 5% van de uitstaande aandelen sinds 19 januari 2009;
  • Dimensional Fund Advisors LP met tussen 3% en 5% van de uitstaande aandelen sedert 5 september 2011.

Aangezien de Vennootschap momenteel in het bezit is van 2,39% eigen aandelen, ligt de free float momenteel tussen 77,61% en 86,61%.

Informatie over de invoering van de EUovernamerichtlijn

De Raad van Bestuur verklaart hierbij dat het Jaarverslag is opgesteld in overeenstemming met artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007. In verband hiermee licht de Raad van Bestuur het volgende toe:

  • Een volledig overzicht van de kapitaalstructuur op datum van 15 maart 2015 is opgenomen in het Jaarlijks Financieel Verslag;
  • Er zijn geen statutaire beperkingen, noch op de overdracht van effecten van de Vennootschap, noch van de uitoefening van het stemrecht;
  • Er zijn geen speciale rechten verbonden aan de uitgegeven aandelen van de Vennootschap;
  • De Vennootschap heeft bepaalde financiële overeenkomsten gesloten die effectief kunnen worden, kunnen worden gewijzigd en/of worden beëindigd door verandering in de zeggenschap over de onderneming door een openbaar overnamebod;
  • Er zijn bij de Vennootschap geen aandeelhoudersovereenkomsten bekend die aanleiding kunnen geven tot beperking van de overdacht van effecten en/of van de uitoefening van het stemrecht;
  • De regels voor de benoeming en vervanging van de leden van de Raad van Bestuur en voor de wijziging van de statuten van de Vennootschap zijn in extenso beschreven in de statuten en in het Corporate Governance Charter van

de Vennootschap. Beide zijn te vinden op de Investors Relations pagina van de website www.agfa.com;

  • De bevoegdheden van de Raad van Bestuur inzake uitgifte en inkoop van aandelen zijn in extenso omschreven in de artikels 7 en 14 van de statuten van de Vennootschap;
  • Alle belangrijke overeenkomsten afgesloten sinds de datum van bovenvermeld Koninklijk Besluit, waarbij de Vennootschap partij is en die een 'change-ofcontrol'-clausule bevatten, werden ter goedkeuring voorgelegd tijdens de respectieve jaarvergaderingen;
  • De overeenkomsten met de leden van het Executive Management bevatten niet langer een 'change-of-control'-clausule waarbij zij een vergoeding zouden ontvangen in geval zij hun overeenkomst met de Vennootschap zouden beëindigen ten gevolge van een wijziging van de controle over de Vennootschap.

Algemene bedrijfsinformatie

Agfa-Gevaert NV (Ondernemingsnummer 0404.021.727, Rechtspersonenregister Antwerpen) is een naamloze vennootschap naar Belgisch recht die een publiek beroep op het spaarwezen heeft gedaan, opgericht op 10 juni 1964. De maatschappelijke zetel van de Vennootschap is gevestigd in de Septestraat 27, 2640 Mortsel, België.

De volledige en becommentarieerde financiële gegevens zijn beschikbaar op de website, www.agfa.com, of verkrijgbaar bij de Vennootschap.

Informatie met betrekking tot de milieuaspecten is terug te vinden in het Duurzaamheidsverslag van de Groep dat in dit jaarverslag is opgenomen.

Beschikbaarheid van informatie

De statuten van de Vennootschap liggen ter inzage bij de Griffie van de Rechtbank van Koophandel van Antwerpen (België) en op de maatschappelijke zetel. Ze zijn ook terug te vinden op de website, www.agfa.com.

Het Corporate Governance Charter en de Verhandelingscode (Code of Dealing) kunnen worden geraadpleegd op de Investor Relations-pagina van de website, www.agfa.com.

De jaarrekeningen worden neergelegd bij de Nationale Bank van België. De jaarrekeningen worden elk jaar, samen met de bijbehorende verslagen, toegezonden aan de aandeelhouders op naam en een ieder die erom verzoekt. Het Jaarverslag, de statutaire en geconsolideerde jaarrekening, inclusief het verslag van de commissaris, zijn consulteerbaar op de website www.agfa.com en kunnen worden ingezien op de maatschappelijke zetel.

De oproeping voor de Algemene Aandeelhoudersvergaderingen wordt gepubliceerd in de financiële pers en is tevens beschikbaar op de website. Inzake financiële berichtgeving worden de financiële resultaten en de overige verplichte informatie gepubliceerd op de website van de Vennootschap, in overeenstemming met de richtlijnen van de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA).

De besluiten betreffende de benoeming en het ontslag van de leden van de Raad van Bestuur worden bekendgemaakt in de Bijlagen tot het Belgisch Staatsblad.

Iedere geïnteresseerde kan zich gratis registreren op www.agfa.com om de persberichten en de verplichte financiële informatie per e-mail te ontvangen.

Het Jaarverslag is op de website, www.agfa.com, beschikbaar in het Nederlands en het Engels.

Remuneratieverslag

Zoals aangekondigd tijdens de Jaarvergadering van 2014, heeft de Raad van Bestuur opdracht gegeven om op diepgaande wijze de verwachtingen van onze Aandeelhouders in verband met de inhoud van het Remuneratieverslag te onderzoeken. Om die reden hebben we de 'Top 25 Institutionele Aandeelhouders' die tegen het Remuneratieverslag hadden gestemd gecontacteerd, evenals tien andere belangrijke Aandeelhouders. Samen vertegenwoordigden deze Aandeelhouders ongeveer 33 miljoen aandelen van de 42,5 miljoen aandelen die hebben gestemd tijdens de Jaarvergadering van 2014.

Daar waar de Vennootschap zich in het verleden tevreden stelde met het aanleveren in het Remuneratieverslag van die informatie die werd vereist door het Belgisch Vennootschapsrecht of die werd aanbevolen door de Belgische Corporate Governance Code, blijkt thans, uit de feedback die we kregen, dat onze Aandeelhouders verwachten dat we nog bijkomende informatie verschaffen. Wij hebben begrepen dat onze Aandeelhouders vooral meer gedetailleerde informatie wensen over ons remuneratiebeleid en -gebruiken evenals over onze maatstaven om prestaties te meten. De Raad van Bestuur zal graag ingaan op deze wensen. Bovendien zou de Raad van Bestuur willen verduidelijken dat deze vragen uiteindelijk allemaal verband houden met remuneratiethema's die reeds wijd verspreid zijn binnen de Agfa-organisatie.

Daarom hoopt de Raad van Bestuur van harte dat het Remuneratieverslag 2014 zal voldoen aan de verwachtingen van onze Aandeelhouders.

Het Benoemings- en RemuneratieComité (BRC) komt minimum drie keer per jaar samen om onder meer voorstellen aan de Raad van Bestuur uit te werken over het remuneratiebeleid en -niveau voor Bestuurders en leden van het Executive Management.

De remuneratiecriteria beogen het aantrekken, behouden en motiveren van Bestuurders en leden van het Executive Management die voldoen aan het profiel bepaald door de Raad van Bestuur. De remuneratie van de niet-uitvoerende Bestuurders houdt rekening met hun algemene rol van lid van de Raad van Bestuur en met specifieke rollen als Voorzitter van de Raad van Bestuur, Voorzitter of lid van een Comité van de Raad van Bestuur, evenals hun verantwoordelijkheden en tijdsbesteding die daaruit voortvloeien.

Het BRC bepaalt het niveau en de structuur van de remuneratie van de leden van het Executive Management in functie van het aantrekken, behouden en motiveren van gekwalificeerde en deskundige professionelen, rekening houdend met de aard en draagwijdte van hun individuele verantwoordelijkheden.

Remuneratiebeleid

Als algemeen uitgangspunt voor haar remuneratiebeleid voor management gebruikt Agfa een 'marktprijs' die gebaseerd is op de vergelijking tussen het jaarlijks 'Total Target Cash' salaris en de "67ste percentiel van de Algemene Markt".

'Total Target Cash' is de som van het jaarlijks basissalaris, andere vaste vergoedingen, het 'Global Bonus Plan', verkoopscommissies en andere variabele vergoedingen.

De '67ste percentiel van de Algemene Markt' komt doorgaans overeen met het midpoint (50ste percentiel) van de twee industrietakken waarin Agfa actief is: de chemie en de IT.

Om de individuele positionering te meten ten aanzien van de Algemene Markt, gebruiken we de CompaRatio, zijnde het percentage dat men bekomt indien men het huidige salarispakket deelt door de marktprijs.

Deze positionering laat ons toe om:

  • a.dezelfde globale strategie toe te passen in alle landen;
  • b.talent aan te trekken en te behouden door differentiatie van onze positionering ten aanzien van het midpoint van de markt;
  • c.de kosten te beheersen en;
  • d.voordeel te halen uit een globale visie op de markt, die niet beperkt is tot enkele vennootschappen. Enkel in uitzonderlijke omstandigheden en met inachtname van de interne procedures, kan een andere positionering worden toegelaten.

Om duidelijke informatie te hebben over de markt, gebruikt Agfa zowel de functie- evaluatiemethode als de globale salarisoverzichten van Hay.

Na en naast onze globale positionering op het 67ste percentiel op de Algemene Markt, willen we:

  • in de 'Total Target Cash' een variabel deel opnemen dat stijgt naargelang de hiërarchische positie en dat zich minstens bevindt op het derde kwartiel van de Algemene Markt voor algemene managementfuncties (Global Bonus Plan);
  • ons beleid vergelijken met het midpoint van de Algemene Markt voor andere componenten zoals pensioenuitkeringen, uitkeringen aan nabestaanden, uitkeringen voor medische kosten en bedrijfswagens.

Het globale budget dat is toegelaten voor loonsverhogingen wordt jaarlijks vastgesteld en is gebaseerd op verschillende elementen:

  • de globale en lokale financiële situatie van de Vennootschap (kostenbeheersing);
  • de gemiddelde positionering van onze populatie ten opzichte van de lokale markt. Om de individuele positionering te meten ten opzichte van de markt, gebruiken we de CompaRatio's;
  • de markttrends in elk land (en in sommige gevallen zelfs in deelgebieden).
  • de wettelijke verplichtingen;
  • het naleven van het loonsverhogingsbudget dat werd toegekend in de vorige ja(a)r(en).

Agfa gelooft in 'Betalen voor Prestaties'. Bijgevolg wordt de evolutie van de verloning gebaseerd op de volgende criteria:

  • de algemene prestatiebeoordeling;
  • de mate waarin de competenties en vaardigheden van een werknemer kritisch zijn voor onze organisatie;
  • conformiteit met de markt: interne en externe billijkheid;
  • beschikbaar budget;
  • historiek van de verloning (belangrijke recente verhogingen van het salarispakket/promoties).

Variabilisering. De 'Total Target Cash' dient in lijn te zijn met ons globaal beleid, en interne en externe billijkheid in een langetermijnvisie. 'Variabele' verloning geeft de collectieve en individuele prestatie weer:

  • collectief: door de financiële resultaten van de Agfa Groep, businessgroep of regio in vergelijking met de doelstellingen;
  • individueel: door de prestatiebeoordeling.

De leden van het Executive Management komen in aanmerking voor het 'Executive Management Global Bonus Plan'. Dit plan is gebaseerd op drie fases:

  • de 'on target' variabele vergoeding als startpunt;
  • vastleggen van het Globaal Budget (funding ratio);
  • allocatie tussen 'Groepsprestatie' en 'Individuele Prestatie'.

Variabele vergoeding 'on target': de variabele vergoeding 'on target' is een onderdeel van de individuele contracten die onderhandeld worden met de leden van het Executive Management. Het remuneratiebeleid van de vennootschap voorziet dat de variabele vergoeding 'on target' bij aanwerving van een lid van het Executive Management doorgaans minstens 40% van hun jaarlijks basissalaris uitmaakt.

Vastleggen van het Globaal Budget: een globale bonusenveloppe (of 'funding ratio') wordt vastgelegd op het niveau van de Agfa Groep. De 'bonus funding ratio' bepaalt het deel van de totale-on-target-bonus dat zal worden uitbetaald. De bonusenveloppe wordt verdeeld tussen de businessgroepen op basis van een gewogen multiplicator. De bonusenveloppe is een gesloten enveloppe. Dit betekent dat uitbetaling nooit hoger kan zijn dan de 200% die zal worden uitbetaald wanneer de uiteindelijke EBITDA-resultaten minstens 150% bedragen van de gebudgetteerde EBITDA.

EBITDA (resultaten vs budget) Uitbetaling
131% - 150% Versneld 131% - 200% (maximum cap)
Tussen 100% en 130% Lineair van 100% tot 130%
Tussen 70% en 100% Lineair van 70% tot 100%
< 70% 0%(1)

De berekening van de globale bonusenveloppe gebeurt volgens onderstaand schema:

(1) IN DE GEVALLEN WAAR DE BONUSENVELOPPE 0 ZOU BEDRAGEN, KAN DE RAAD VAN BESTUUR NOG STEEDS BESLISSEN OM UITZONDERLIJKE (INDIVIDUELE) PRESTATIES TE BELONEN.

Het huidige Global Bonus Plan voor het Executive Management voorziet dat de uitbetaling gesplitst wordt in twee delen:

  • Voor 80% van het 'on target variabel' van de leden van het Executive Management reflecteert de uitbetaling zuiver de multiplicator die voortvloeit uit de toepassing van het schema voor de berekening van de globale bonusenveloppe (dus maximum 200%*80% indien de uiteindelijke EBITDAresultaten minstens 150% bedragen van de gebudgetteerde EBITDA). Voor de Presidenten van Graphics en HealthCare zal er bovendien een businessgroepmultiplicator worden toegepast die gebaseerd is op de prestaties van de businessgroep in vergelijking met haar gebudgetteerde doelstellingen. De parameters die worden in aanmerking genomen om deze businessgroepprestatie vast te stellen in vergelijking met het budget zijn
  • a. EBITDA/Verkoop% (gewicht 50%),
  • b. Omzet (gewicht 30%) en

c. het Gemiddeld Netto Werkkapitaal van de 4 kwartalen/Verkoop% (gewicht 20%). De maximale businessgroepmultiplicator is 1,5 en de minimale 0,5 maar de businessgroepmultiplicator wordt dusdanig gecorrigeerd dat hij samen nooit hoger kan zijn dan 1 (om te garanderen dat de uitbetaling steeds binnen de perken blijft van de globale bonusenveloppe). Voor Materials, Specialty Products, de Global Shared Services en het Corporate Center is er geen businessgroepmultiplicator (en bijgevolg is deze op 1 gezet).

• Voor 20% van het 'on target variabel' van de leden van het Executive Management geeft de uitbetaling de beoordeling weer – door de Raad van Bestuur – van 4 tot 5 Individuele Prestatiedoelstellingen die elk jaar worden bepaald voor de verschillende leden van het Executive Management. Voor deze Individuele Prestatiedoelstellingen is de maximale uitbetaling vastgesteld op 100%.

Hieruit volgt dat de maximale uitbetaling voor leden van het Executive Management beperkt is tot [(200%*80%) + (100%*20%)] of 180% van hun 'on target variabel'.

De Raad van Bestuur heeft, op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratie-Comité, beslist om het Global Bonus Plan van het Executive Management te herzien, met de bedoeling om ook een midden- tot langetermijn component op te nemen in dat plan. De Raad van Bestuur is van mening dat dit een belangrijke wijziging zal uitmaken van het remuneratiebeleid voor de leden van het Executive Management. Het nieuwe Global Bonus Plan voor het Executive Management bestaat uit vier elementen:

• Een 3-jaarlijkse doelstelling die zal worden toegepast voor 25% van de on-target bonus. De 3-jaarlijkse parameter voor 2017 is een combinatie van de omzet en het EBITDA/Verkoop%. Beide elementen zijn gelijkwaardig en worden dus elk toegepast voor 12,5% van de on-target bonus. Voor beide elementen werd een ondergrens (waaronder de uitbetaling 0 is) en een bovengrens (vanaf dewelke

de maximale uitbetaling van 200% wordt bereikt) bepaald. Er wordt een lineaire benadering toegepast tussen de onder- en bovengrens.

  • Een 2-jaarlijkse doelstelling die eveneens zal worden toegepast voor 25% van de on-target bonus. De 2-jaarlijkse parameter voor 2016 is het EBITDA/ Verkoop%. Een ondergrens (waaronder de uitbetaling 0 is) en een bovengrens (vanaf dewelke de maximale uitbetaling van 200% wordt bereikt) werden bepaald. Er wordt een lineaire benadering toegepast tussen de onder- en bovengrens.
  • Een 1-jaarlijkse collectieve prestatiedoelstelling zal worden toegepast voor 40% van de on-target bonus. De 1-jaarlijkse parameter is de EBITDA. Een ondergrens (waaronder de uitbetaling 0 is) en een bovengrens (vanaf dewelke de maximale uitbetaling van 200% wordt bereikt) werden bepaald. De uitbetaling is lineair tussen de ondergrens en 130% van de target. Vanaf 131% van de target tot de bovengrens gebeurt de uitbetaling versneld.
  • Jaarlijkse individuele prestatiedoelstellingen die zullen worden toegepast voor 10% van de on-target bonus. De individuele prestatiedoelstellingen kunnen maximaal voor 100% worden gerealiseerd.

Aangezien de prestaties met betrekking tot de doelstellingen voor de jaren 2016 en 2017 pas later zullen gekend zijn, zal een geleidelijke overgang tussen het huidige systeem en het nieuwe systeem toegepast worden. Deze geleidelijke overgang impliceert dat voor het prestatiejaar 2016, de 1-jaarlijkse componenten van het plan nog steeds 75% van het totale plan zullen uitmaken in plaats van 50%. Vanaf het prestatiejaar 2017 zal de 40/10/25/25 toewijzing volledig toegepast worden.

Vergoedingen

Raad van Bestuur

Er is geen automatische aanpassing van de vergoedingen voorzien, doch ze worden regelmatig herbekeken om na te gaan of ze nog conform zijn aan het beleid. De laatste aanpassing voor de leden van de Raad van Bestuur dateert van de Jaarvergadering van 2006. De vergoeding van de Voorzitter werd vastgelegd bij zijn benoeming in 2008.

Er wordt een vaste jaarlijkse standaardvergoeding voorzien die verschilt voor de vergaderingen van de Raad van Bestuur enerzijds en de vergaderingen van de Comités anderzijds. Tevens wordt er een onderscheid gemaakt tussen de vergoeding van de Voorzitter en deze van de leden. Deze vergoeding dekt een vooraf bepaald aantal vergaderingen. Bij overschrijding op individuele basis, wordt er in een bijkomende vergoeding per bijkomende vergadering voorzien.

Volgende jaarlijkse vaste standaardvergoedingen worden voorzien:

Raad van Bestuur (voor maximaal zeven vergaderingen per kalenderjaar)
Voorzitter (1) 180.000 euro
Leden 50.000 euro
AC (voor maximaal vijf vergaderingen per kalenderjaar)
Voorzitter 25.000 euro
Leden 12.500 euro
BRC (voor maximaal drie vergaderingen per kalenderjaar)
Voorzitter 15.000 euro
Leden 7.500 euro

(1) DEZE VERGOEDING IS ALLESOMVATTEND; ZE OMVAT OOK DE VERGOEDING VOOR HET MANDAAT IN HET BRC EN HET AC ALSOOK EVENTUELE BIJKOMENDE VASTE VERGOEDINGEN ZOALS VAN TOEPASSING BIJ OVERSCHRIJDING VAN HET MAXIMUM AANTAL VERGADERINGEN.

Bijkomende vaste vergoeding

van 2.500 euro voor elke vergadering bovenop het maximale aantal van zeven, vijf of drie per kalenderjaar, afhankelijk of het de vaste vergoeding voor de Raad van Bestuur, het AC of BRC betreft.

Prestatiegebonden remuneratie

De niet-uitvoerende bestuurders ontvangen geen prestatiegebonden remuneratie.

De jaarlijkse individuele remuneratie toegekend aan de leden van de Raad van Bestuur (zowel uitvoerende als niet-uitvoerende) voor de uitoefening van hun mandaat in 2014 is als volgt:

EURO Raad van Bestuur Commités TOTAAL
Dhr. Michel Akkermans (1) 50.000,00 7.500,00 57.500,00
Dhr. Christian Reinaudo (2) 55.000,00 - 55.000,00
Dhr. Jo Cornu (3) 55.000,00 22.500,00 77.500,00
Dhr. Julien De Wilde 180.000,00 - 180.000,00
Dhr. Willy Duron 55.000,00 35.000,00 90.000,00
Dhr. Christian Leysen 55.000,00 17.500,00 72.500,00
Dhr. Roland Junck 16.666,67 4.166,66 20.833,33
TOTAAL 466.666,67 86.666,66 553.333,33

(1) VASTE VERTEGENWOORDIGER VOOR PAMICA NV.

(2) UITVOEREND BESTUURDER EN VASTE VERTEGENWOORDIGER VOOR CRBA MANAGEMENT BVBA

(3) VASTE VERTEGENWOORDIGER VOOR MERCODI BVBA..

CEO

De Raad van Bestuur heeft na de Jaarvergadering van 27 april 2010 CRBA Management BVBA, vertegenwoordigd door de heer Christian Reinaudo, aangesteld als Gedelegeerd Bestuurder/CEO.

De overeenkomst met CRBA Management BVBA voorziet geen automatische aanpassing. Deze vergoeding wordt regelmatig herbekeken om na te gaan of ze nog conform is aan het beleid.

De vaste jaarlijkse vergoeding van de CEO, CRBA Management BVBA, vertegenwoordigd door de heer Christian Reinaudo, werd vastgelegd op 1.136.800 euro. Deze vergoeding bevat ook bestuurdersvergoedingen van de heer Reinaudo, vanwege mandaten in enkele Agfa-dochtermaatschappijen. Er werd eveneens een jaarlijkse variabele vergoeding 'on target' voorzien van 435.500 euro.

De variabele vergoeding is afhankelijk van de volgende parameters:

  • voor 20%: individuele doelstellingen zoals jaarlijks vastgelegd door de Raad van Bestuur;
  • voor 80%: financiële doelstellingen die voor de CEO gebaseerd zijn op de EBITDA resultaten versus budget ('funding ratio' zoals hierboven uiteengezet).

Voor 2014 bedraagt de CEO-vergoeding:

• vaste vergoeding: 1.136.800,00 euro (1);

  • variabele vergoeding: 361.465 euro;
  • vergoedingen voor vervoer, huur en diverse verzekeringen: 67.256,85 euro.

(1) INCL. VERGOEDINGEN UITGEKEERD AAN DE HEER CHRISTIAN REINAUDO VOOR BESTUURDERSMANDATEN IN AGFA-ENTITEITEN.

Voor de CEO werden geen pensioen- of groepsverzekeringsbijdragen betaald. De cash component van de variabele vergoeding werd volledig verdiend op korte termijn (ten hoogste één jaar). Bijgevolg is er geen prestatiegebonden remuneratie verdiend op lange termijn.

Executive Committee

Er is geen automatische aanpassing van de vergoedingen voorzien, wel worden deze vergoedingen regelmatig herbekeken om na te gaan of ze nog conform zijn aan het beleid.

De globale vaste brutoremuneratie voor het Exco bedroeg 1.614.880,60 euro in 2014 (exclusief patronale sociale bijdragen). De totale jaarlijkse 'on target' variabele vergoeding bedroeg 807.422 euro, en bedraagt in de regel 50% van de vaste brutovergoeding en, bijgevolg, ongeveer 25% van de totale jaarlijkse remuneratie.

De uitbetaling van de variabele vergoeding is afhankelijk van de volgende parameters:

  • voor 20%: individuele doelstellingen zoals jaarlijks vastgelegd door de Raad van Bestuur;
  • voor 80%: financiële doelstellingen die voor de CFO en de President Materials gebaseerd zijn op de EBITDA resultaten versus budget ('funding ratio' zoals hierboven uiteengezet) en die voor de President Graphics en de President HealthCare bovendien afhangen van hun respectieve Business Group parameters (zoals hierboven uiteengezet).

Voor 2014 bedraagt de globale variabele vergoeding 658.867 euro (exclusief patronale sociale bijdragen). Deze vergoeding wordt gedeeltelijk, afhankelijk van hun persoonlijke situatie, omgezet in een pensioenpremie. Voor de leden van het Exco werden pensioenbijdragen betaald voor een bedrag van 332.187,6 euro en 56.176,35 euro onder de vorm van voordelen in natura.

De cash component van de variabele vergoeding werd volledig verdiend op korte termijn (ten hoogste één jaar). Bijgevolg is er geen prestatiegebonden remuneratie verdiend op lange termijn.

De voordelen in natura, die kunnen verschillen van lid tot lid, omvatten: een bedrijfswagen, een representatievergoeding en diverse verzekeringen (bestuurdersaansprakelijkheid, reisbijstand, hospitalisatie, privéongevallen). Er werden in 2014 geen opzegvergoedingen betaald aan het Executive Management. Er is in de overeenkomsten met de leden van het Executive Management geen contractueel terugvorderingsrecht voorzien van de variabele verloning die wordt toegekend op basis van onjuiste financiële gegevens.

Aandelen en opties

Er werden noch aan de CEO, noch aan de leden van het Exco, aandelen toegekend als onderdeel van hun remuneratie. Voor 2014 heeft de Raad van Bestuur ervoor geopteerd, zoals in vorige jaren, geen opties aan het Executive Management toe te kennen.

Er zijn geen openstaande aandelenopties meer of andere rechten die werden toegekend aan de leden van het Executive Management om aandelen te verwerven.

Tijdens de Jaarvergadering van 2014 hebben de aandeelhouders besloten om het voorstel goed te keuren van de Raad van Bestuur om onder bepaalde voorwaarden de negende tranche van het 'Long Term Incentive Plan' te activeren. Aangezien aan deze voorwaarden niet werd voldaan in 2014 heeft de Raad van Bestuur deze negende tranche nog niet geactiveerd.

Zoals hierboven uiteengezet zijn de belangrijkste parameters van deze tranche dat het een Long Term Incentive Plan is voor in aanmerking komende leden van het Executive Management, kaderleden van niveau I en II en bepaalde andere werknemers, waarbij ongeveer 4.060.000 opties toegekend kunnen worden vanaf het ogenblik dat de slotkoers van de aandelen op Euronext Brussels

gedurende de laatste 30 kalenderdagen voorafgaand aan de datum van aanbieding hoger is dan 3,45 euro per aandeel.

Verbrekingsvergoeding

De bepalingen in verband met verbreking in de contracten van de verschillende leden van het uitvoerend management, kunnen als volgt samengevat worden:

De Raad van Bestuur kan de benoeming van CRBA Management BVBA, vertegenwoordigd door de heer C. Reinaudo, met onmiddellijke ingang intrekken. In dat geval heeft CRBA Management BVBA recht op een schadevergoeding gelijk aan negen maanden remuneratie. Het bedrag is te berekenen op basis van het vaste inkomen dat CRBA Management BVBA en de heer Christian Reinaudo jaarlijks wereldwijd van de Agfa Groep ontvangt, met uitzondering van enige bestuurdersvergoeding betaald door Agfa-Gevaert NV aan CRBA Management BVBA of aan de heer Reinaudo. Indien er een intrekking van benoeming zou gebeuren op basis van een ernstige fout (vastgesteld en bevestigd via een bepaalde interne procedure van de Raad van Bestuur), is er geen schadevergoeding verschuldigd.

In het geval van een beëindiging van het contract door de Onderneming (en met uitzondering van een ernstige fout), hebben de heren Hoornaert en Thijs recht op een opzegtermijn berekend conform het minimum voorzien in art. 82§5 van de wet van 3 juli 1978 (drie maanden per vijf jaar anciënniteit, met een minimum van 12 maanden voor de heer Hoornaert), gecorrigeerd, in voorkomend geval, in overeenstemming met de voorzieningen van de Wet van 26 december 2013. De heer Vanhooren heeft geen expliciete contractuele verbrekingclausule en valt onder de toepassing van de algemene Belgische wetgeving terzake.

In het geval van een beëindiging van het contract door de Onderneming (en met uitzondering van een ernstige fout), heeft de heer Delagaye recht op een opzegtermijn berekend op basis van een zeker schema, gecorrigeerd, in voorkomend geval, in overeenstemming met de voorzieningen van de Wet van 26 december 2013. Dit schema voorziet in een minimale opzegtermijn van zes maanden en een maximum van 15 maanden bij pensionering.

In de gevallen dat ze zich dienen te houden aan het contractuele nietconcurrentiebeding, hebben de heren Hoornaert, Vanhooren, Delagaye en Thijs bovendien recht op een bijkomende schadevergoeding gelijk aan 75% van de brutoremuneratie voor de 12 maanden van het niet-concurrentiebeding.

Duurzaamheidsverslag

Milieu

Milieu-, veiligheids- en energiemanagementsystemen

In overeenstemming met zijn engagement tot het duurzaam beheer van natuurlijke rijkdommen, tot de veilige uitbating van zijn installaties en tot de beperking van de ecologische impact van zijn activiteiten en producten, heeft Agfa kwaliteits-, milieu-, energie- en veiligheidsmanagementsystemen geïnstalleerd in overeenstemming met de internationale standaarden ISO 9001, ISO 13485, ISO 14001, ISO 50001 en OHSAS 18001. De volgende tabel geeft een overzicht van de certificaten die door de verschillende Agfa-vestigingen werden verworven:

Vestiging Land ISO 9001
Kwaliteit
ISO 13485 Q
Medische
Kwaliteit
ISO 14001
Milieu
OHSAS 18001
Veiligheid
ISO 50001
(DIN 16001)
Energie
Banwol Zuid-Korea Ja N.V.T Ja Ja Ja
Branchburg VS Ja N.V.T Ja Ja Gepland
Bushy Park VS Ja Ja Neen Neen Neen
Leeds VK Ja N.V.T Ja Ja Ja
Manerbio (Lastra) Italië Ja N.V.T Neen Neen Neen
Missisauga Canada Ja N.V.T Neen Neen Neen
Mortsel België Ja Ja Ja Neen Neen
Munich Duitsland Ja Ja Neen Neen Neen
Peissenberg Duitsland Ja Ja Neen Neen Ja
Peiting Duitsland Ja Ja Neen Neen Neen
Pont-à-Marcq Frankrijk Ja N.V.T Ja Ja Ja
Schrobenhausen Duitsland Ja Ja Neen Neen Neen
Suzano Brazilië Ja N.V.T Ja Ja Ja
Vallese di Opeano Italië Ja N.V.T Gepland Ja Gepland
Varela Argentinië Ja N.V.T Ja Neen Neen
Wiesbaden Duitsland Ja N.V.T Ja Ja Ja
Wuxi (Imaging) China Ja Neen Ja Neen Neen
Wuxi (Printing) China Ja N.V.T Ja Ja Ja

N.V.T.: NIET VAN TOEPASSING

Productiegerelateerde milieubescherming

Overzicht van de betrokken vestigingen

In de loop van 2014 werden de vestigingen van Agfa Graphics in Teterboro, VS, en in Manerbio, Italië, gesloten. Mortsel omvat de sites in de Belgische gemeenten Mortsel, Wilrijk, Edegem en Westerlo (Heultje).

Alle gegevens refereren naar het volledige Jaar 2014 voor alle hieronder vermelde vestigingen.

Land Vestiging Activiteit en/of producttype
Argentinië Varela Filmconfectie & chemicaliën
België Mortsel Film, chemicaliën, synthetisch papier, inkten
Brazilië Suzano Drukplaten, chemicaliën
Canada Missisauga Apparatuur
China Wuxi (Imaging) Filmconfectie, apparatuur
Wuxi (Printing) Drukplaten
Frankrijk Pont-à-Marcq Drukplaten, chemicaliën en confectie
Duitsland München Apparatuur
Peissenberg Apparatuur
Peiting Apparatuur, toebehoren
Schrobenhausen Beeldplaten en cassettes
Wiesbaden Drukplaten
Italië Manerbio (Lastra) Apparatuur
Vallese di Oppeano Drukplaten
Zuid-Korea Banwol Drukplaten, chemicaliën
VK Leeds Drukplaten
VS Branchburg Drukplaten
Bushy Park Filmconfectie

Productie van film en synthetisch papier

Alleen de productievestiging in Mortsel produceert polyesterfilm en synthetisch papier. Dragers op basis van andere polymeren worden aangekocht bij externe leveranciers. De filmdrager wordt begoten met emulsielagen. De bereiding van deze emulsies is een afzonderlijk productieproces. Sommige van de chemische componenten van de emulsielagen worden ook geproduceerd in enkele andere productievestigingen. De laatste stap in het filmproductieproces is de confectie (het versnijden in het gewenste formaat) en het verpakken.

Productie van drukplaten en beeldplaten

De basis van de meeste drukplaten is aluminiumplaat die wordt aangekocht bij externe leveranciers en die wordt voorbehandeld en begoten in de plaatproductievestigingen. Op enkele uitzonderingen na bevatten de meeste gegoten lagen geen zilver. De laatste stappen in de productie van drukplaten en beeldplaten zijn – net zoals voor film – confectie en verpakking.

Productie van ontwikkelchemicaliën

Na de belichting van de film of de drukplaat bij de klant, moeten deze chemisch ontwikkeld worden om een beeld te verkrijgen. Een groeiend aandeel van de film wordt met warmte ontwikkeld. In tegenstelling tot de klassieke procédés waarbij gebruik wordt gemaakt van ontwikkelchemicaliën, wordt een aanzienlijk aandeel van de drukplaten nu in chemievrije baden ontwikkeld.

Productie van inkten

Voor zijn groeimarkt industriële inkjet, produceert Agfa een specifiek gamma van inkten. De productie van deze inkten behelst het bereiden en mengen van ingrediënten, het bottelen en het verpakken.

Productie van apparatuur

De productie van apparatuur omvat mechanica, elektronica, optica en software.

Ecologische impact

De ecologische impact van de productieactiviteiten bestaat hoofdzakelijk uit emissies naar lucht en water, het gebruik van grondstoffen en het verbruik van energie. Even belangrijk zijn de veiligheidsaspecten van de activiteiten en de inspanningen om ecologische incidenten en klachten te voorkomen.

Milieu-indicatoren

In overeenstemming met de hierboven aangehaalde overwegingen heeft Agfa de volgende indicatoren gekozen om zijn milieuprestatie te evalueren:

Waterverbruik m³/jaar
Specifiek waterverbruik m³/ton product
Waterverbruik exclusief koelwater m³/jaar
Specifiek waterverbruik exclusief koelwater m³/ton product
Afvalwaterbelasting ton/jaar
Specifieke afvalwaterbelasting ton/ton product
CO2-emissie naar lucht ton/jaar
Specifieke CO2
-emissie naar lucht
ton/ton product
NOx
-, SO2
-, VOS-, VAS-emissies naar lucht
ton/jaar
Specifieke NOx
-, SO2
-, VOS-, VAS-emissies naar lucht
ton/ton product
Specifieke VOS-emissies naar lucht ton/ton product
Afvalvolume ton/jaar
Specifiek afvalvolume ton/ton product
Specifiek gevaarlijk afvalvolume ton/ton product
Energieverbruik TeraJoule/jaar
Specifiek energieverbruik GigaJoule/ton product
Milieu-incidenten en klachten aantal

Samenvatting van de milieuprestaties

Het globale productievolume in m² van film en synthetisch papier bleef gehandhaafd in tegenstelling met een dalende globale markttrend. De productie van drukplaten kende een daling van ongeveer 1,5%.

In 2014 bleef de productie van apparaten in HealthCare stabiel, terwijl in Graphics de productie van apparaten – vooral inkjetmachines – steeg met meer dan 8%.

De productie van inkten voor de inkjettoepassingen kende eveneens een aanzienlijke groei.

Het specifieke waterverbruik, afvalwatervolume en vuilvracht, luchtemissie, VOSemissie en afvalvolume kenden een daling. Het specifieke energieverbruik bleef op eenzelfde niveau als in 2013. Het aantal milieugerelateerde klachten verminderde met een derde t.o.v. 2013.

Het totale specifieke waterverbruik daalde in 2014 met 6,8%. Het koelwater niet meegerekend, daalde het waterverbruik met 6,7%, wat resulteert in een specifiek waterverbruik van 11,6 m³/ton. Dat is op zijn beurt maar liefst 8,6% lager dan in 2013. Het specifieke afvalwatervolume daalde met 4,2%. De specifieke afvalwaterbelasting daalde spectaculair met 12% dank zij een verbeterde flocculatie in de fabriek van Wiesbaden.

Het globale specifieke energieverbruik bleef constant op ca. 15 GJ per ton geproduceerd product. Er bestaan echter belangrijke verschillen tussen de drie businessgroepen: HealthCare ziet zijn specifiek energieverbruik stijgen met 10,7%, terwijl Graphics zijn specifiek energieverbruik met 10% zag dalen. In de filmfabrieken wordt een bescheiden stijging van 3,9% vastgesteld.

De specifieke luchtemissie excl. CO2 daalt globaal met meer dan 18% door een significante daling van de VOS-emissie in de fabriek van Westerlo en een belangrijke daling van de SO2 -emissie in Mortsel.

Het specifieke afvalvolume daalde in 2014 verder met 15,5%, het specifiek gevaarlijk afvalvolume met 13%. Het nuttige gebruik van afval blijft constant rond 90%.

Milieuprestatie van de Agfa-Gevaert Groep

In onderstaande commentaren wordt de milieuprestatie in 2014 vergeleken met de prestatie in 2013. De grafieken en tabellen illustreren de trends vanaf 2003.

Productievolume

Onderstaande tabel geeft een overzicht van het productievolume dat werd gerealiseerd door de Groep over de afgelopen 12 jaren.

Jaar 2003 2005 2007 2009 2011 2013 2014
Ton/jaar 246.422 274.978 270.567 232.434 235.783 220.240 224.859

In tegenstelling tot de voorgaande jaren zag Agfa zijn productievolume wereldwijd stijgen met 2,1% in gewicht.

In tegenstelling met de dalende trend op de globale markt zagen de filmfabrieken hun productievolumes van film en synthetische papier gehandhaafd. De productie van chemicaliën steeg aanzienlijk, vooral dankzij inkten en chemie voor derden. Het productievolume van HealthCare daalde met 12%, voornamelijk in de filmbusiness (-13%). De apparatenbouw bleef stabiel.

Het drukplatenproductievolume van Graphics daalde met 1,9%. De productie van chemicaliën en drukplaten van de sites in Manerbio (Italië) en Teterboro (USA) werd geconsolideerd in bestaande productiesites. De apparatenbouw, hoofdzakelijk inkjetprinters, steeg met ca. 8 % t.o.v. 2013.

Waterverbruik

DE CIJFERS VOOR 2013 WERDEN LICHT AANGEPAST T.O.V. VORIG RAPPORT N.A.V. REVISIE VAN DE DATA.

Het totale waterverbruik daalde in 2014 met ca. 4,8% in vergelijking met 2013. Het specifieke waterverbruik kende hierdoor een daling met 6,8%. Koelwater niet meegerekend daalde het waterverbruik met 6,7 % wat resulteerde in een specifiek waterverbruik (koelwater niet meegerekend) van 11,6 m³/ton. Dat is 8,6% lager dan in 2013.

De daling van het waterverbruik werd vooral gerealiseerd in de platenfabriek van Wiesbaden waar een actief waterbesparingsprogramma werd uitgewerkt. Ook de sluiting van de sites in Manerbio en Teterboro en het stopzetten van de coatingactiviteiten in Varela droegen bij tot de significante vermindering van het waterverbruik.

Jaar 2003 2005 2007 2009 2011 2013 2014
Specifiek volume
(m³/ton product)
18,17 15,91 12,95 13,33 13,56 12,03 11,28
CZV 2.088,6 1.952,4 1.967,8 1.580,4 1.101,5 473,1 497,3
N 219,1 196,8 94,1 116,1 46,1 20,4 17,9
P 7,7 13,3 203,9 112,2 97,6 66,5 56,4
AOX 3,2 1,1 1,3 1,2 0,6 0,5 0,4
Zware metalen zonder Al 1,2 0,7 0,6 0,5 0,4 0,5 0,3
Aluminum 0,0 0,0 59,0 147,1 30,5 114,2 34,9
TOTAL (TON/JAAR) 2.319,9 2.164,2 2.326,7 1.957,5 1.276,8 675,1 607,4

Afvalwatervolume en -belasting

DE CIJFERS VOOR 2013 WERDEN AANGEPAST T.O.V. VORIG RAPPORT N.A.V. REVISIE VAN DE DATA

In vergelijking met 2013 daalde het afvalwatervolume wereldwijd met 4,2%, wat resulteerde in een afname van het specifiek afvalwatervolume met 6,2% tot 11,28 m³ water per ton geproduceerd product.

Ook de vuilvracht daalde met 10%, wat resulteerde in een verdere daling van de specifieke vuilvracht met 12% naar 2,7 kg/ton geproduceerd product. De reductie in vuilvracht is vooral tengevolge van een sterke vermindering van het aluminiumslib in het geloosde water. De toepassing van een ander uitvlokkingsmiddel in het afvalwater van de site Wiesbaden leidde tot dit uitstekend resultaat.

In de filmproductiesite van Mortsel steeg de specifieke vuilvracht van 1,8 naar 2,6 kg per ton geproduceerd product tengevolge van een tijdelijk verstoorde werking van de biologische waterzuiveringsinstallatie.

Energieverbruik en CO2-emissie

Het totale energieverbruik steeg met 2,2%, het specifiek energieverbruik bleef constant op 15 GJ/ton geproduceerd product.

Het energieverbruik van de filmfabrieken wereldwijd steeg met 10%. Het specifieke energieverbruik bleef quasi constant. Dit is het resultaat van energiebesparende investeringen en maatregelen in de Belgische vestigingen die het gevolg zijn van het energieplan dat werd opgemaakt in het kader van de Energiebeleidsovereenkomst (EBO) met de federale overheid. In de Wuxi Imaging site (China) bleek de stoommeter defect te zijn waardoor de registratie in 2013 onnauwkeurig was. De meter werd vervangen.

In HealthCare daalde de energieconsumptie met 3,3%. Hierdoor steeg het specifieke energieverbruik met 10,7% naar 17,1 GJ/ton. Deze stijging was het gevolg van het feit dat het energieverbruik van administratieve gebouwen de volumedaling van productie niet volgde.

Een daling van 8,2% in energieverbruik in Graphics resulteerde in een daling van het specifiek energieverbruik met bijna 10% t.o.v. 2013. Dit resultaat werd bekomen door actieve energiereductieprogramma's in de sites van Leeds, Pont-à-Marcq en Wiesbaden.

De lokale CO2 -emissie wereldwijd daalde met 7,8% waardoor de specifieke emissie daalde met 10%. Dit is voornamelijk het gevolg van het feit dat in de site Mortsel, een belangrijke hoeveelheid elektriciteit extra aangekocht moest worden omwille van enkele problemen met de gasturbine van de WKK (warmtekrachtkoppeling). Hierdoor dalen de lokale emissies. Bovendien leidde ook de bijzonder zachte winter in 2014 tot een lager gasverbruik.

In Graphics loopt de CO2 -emissie parallel met het energieverbruik: voor beide werd een daling van ca. 8% opgetekend.

Ook in de sites van HealthCare loopt de CO2 -emissie parallel met het energieverbruik.

Emissies (ton/jaar) 2003 2005 2007 2009 2011 2013 2014
NOX 134 137 157 148 151 142 140
SO2 4 11 8 50 41 23 5
VOS 767 251 238 178 166 165 129
VAS 9 12 5 4 48 3 2
TOTAAL (TON/JAAR) 915 411 407 380 405 333 277
Luchtemissies NOx , SO2, VOS, VAS
------------------- -- -- ----------------- --

De luchtemissies exclusief CO2 daalden in 2014 met 16,8%. Hierdoor daalde de specifieke luchtemissie excl. CO2 met 18,5% naar slechts 1,23 kg per ton geproduceerd product.

Deze daling was vooral toe te schrijven aan de daling van de VOS-emissies in de chemische fabriek in Westerlo en aan de daling van de SO2 -emissie in de filmfabriek in Mortsel na een doorgedreven onderhoud van de gasmotoren van de WKK.

VOS-emissies daalden met bijna 22% waardoor de specifieke VOS-emissies daalden tot 0,58 kg per ton gefabriceerd product.

In Agfa Graphics werd een vermindering van ca. 11 ton/jaar in VOS-emissies opgetekend door een verschuiving van de productmix van solventgedragen naar waterhoudende gietlagen.

De daling met 25 ton van de VOS-emissies in de site van Westerlo is eveneens het gevolg van een verschuiving in de productmix.

De gehalogeneerde VOS-emissie is tot quasi nul herleid.

Jaar 2003 2005 2007 2009 2011 2013 2014
Storten 9.284 8.721 2.110 1.590 6.147 4.059 4.170
Verbranding 231 843 262 192 387 230 341
Recyclage 38.989 60.687 56.580 40.267 39.813 36.665 30.274
Energierecuperatie 2.464 1.792 2.032 1.301 1.484 1.267 1.178
Fysisch-chemische behandeling 843 1,552 813 781 701 446 207
Valorisatie 5.894 4.020 3.202 2.652 2.762 2.260 2.575
TOTAAL (ton/jaar) 57.705 77.614 64.998 46.784 51.294 44.928 38.746
Ongevaarlijk 83% 72% 69% 73% 77% 75% 75%
Gevaarlijk 17% 28% 31% 27% 23% 25% 25%

Afval

Het totale afvalvolume daalde in vergelijking met 2013 met 13,8%. Het specifieke afvalvolume daalde met 15,5%, het specifiek gevaarlijk afvalvolume met 13%.

Het nuttig gebruik van afval (recyclage, energierecuperatie, fysico-chemische behandeling en valorisatie) bedraagt quasi 90%. 78% van het afval wordt gerecycleerd. Ongeveer 10% van het afval wordt nog gestort.

Milieu-incidenten, -klachten en -boetes

• Incidenten

In 2014 werden in Mortsel zeven milieu-incidenten gerapporteerd aan de Vlaamse autoriteiten. Ze betroffen vooral kleinere inbreuken op de afvalwatervergunning onder meer veroorzaakt door de tijdelijk verstoorde werking van de biologische waterzuivering.

In Leeds werd één incident met betrekking tot een lekkage van biocide aan de Engelse overheid gerapporteerd. Dit incident had geen milieu-impact. In de andere productievestigingen werden geen incidenten opgetekend.

Klachten

Mortsel rapporteerde 14 klachten van buren in 2014. Deze klachten betroffen vooral geluids- en geurhinder. Varela meldde één burenklacht m.b.t. geurhinder bij proeven voor zilverrecuperatie. T.o.v. 2013 is het aantal klachten met meer dan 30% gedaald. • Boetes

Enkel Varela ontving een boete van 900 euro voor de hierboven vermelde klacht over geurhinder.

Gezondheid en veiligheid

Elke Agfa-vestiging heeft gezondheids- en veiligheidsstandaarden om haar werknemers en derden in de vestiging te beschermen in overeenstemming met alle specifieke wettelijke vereisten.

Gezondheids- en veiligheidsinformatie worden maandelijks gepresenteerd op de besprekingen van de managementteams. Op de kwartaalbesprekingen van de afdeling Corporate Safety, Health and Environment (SH&E) wordt deze informatie besproken en bijgestuurd. Jaarlijks evalueert het SH&E Management Comittee het beleid, de organisatie, het beheersysteem en de doelstellingen op het vlak van veiligheid, gezondheid en milieu.

Van elk gerapporteerd incident, bijna ongeval en ongeval wordt de oorzaak onderzocht zodat de meest aanbevolen maatregelen kunnen worden geïmplementeerd. Belangrijke zaken worden onmiddellijk gecommuniceerd aan alle vestigingen als SH&E-alarm en leerpunt. Oorzaakanalyses worden uitgevoerd om specifieke acties te implementeren ter verbetering van de prestaties op het vlak van gezondheid en veiligheid.

De frequentiegraad van de ongevallen met meer dan één verloren werkdag tot gevolg daalde van 5,76 in 2013 naar 5,65 in 2014. Dit kwam neer op 49 ongevallen.

De ernstgraad van de ongevallen met meer dan één verloren werkdag steeg licht van 0,144 in 2013 naar 0,147 in 2014. Dit vertegenwoordigt 1.273 verloren werkdagen.

Human Resources

Organisatie

Eind 2010 werden de HR-afdelngen van de drie businessgroepen samengevoegd in één enkele Global Shared Service voor HR. Deze samensmelting bracht een aantal voordelen voor onze organisatie en onze medewerkers:

  • verhoogde efficiëntie en de kans om de 'best practices' op het vlak van HR over de hele Agfa-Gevaert Groep uit te dragen;
  • een beter gebruik van de financiële investeringen in HR-middelen, aangezien een technische oplossing vaak voldoet aan de behoeften van de verschillende businessgroepen;
  • verbeterde mobiliteitskansen voor de Agfa-werknemers over alle businessgroepen heen.

De HR-organisatie bestaat uit drie 'Centers of Excellence' en een HR Process Office. De 'Centers of Excellence' omvatten drie hoofdactiviteiten:

  • vergoedingen en voordelen;
  • leren en ontwikkeling, inclusief prestatiemanagement;
  • aanwervingen.

Ze zijn verantwoordelijk voor de invoering van nieuwe regels of beleidslijnen die wereldwijd in Agfa's verschillende organisaties gebruikt kunnen worden. Deze aanpak brengt heel wat voordelen op het vlak van kostenefficiëntie, transparantie en uniformiteit.

Het HR Process Office beheert de operationele middelen en processen voor HR.

Programma's en beleid

Prestatiemanagement

Prestatiemanagement is een weerkerend en voortdurend proces voor het bepalen van doelstellingen, ontwikkeling en evaluatie gericht op het realiseren van de strategie van de onderneming via de prestaties van de werknemers.

Agfa's processen op het vlak van prestatiemanagement zorgen ervoor dat werknemers geëvalueerd worden en dat ze formele en informele feedback krijgen over hun prestaties, getoetst aan een aantal overeengekomen doelstellingen.

Tot op zekere hoogte zijn financiële beloningen voor werknemers gebaseerd op de resultaten van het prestatiemanagementproces. De evaluatie richt zich zowel op de beoordeling van de bereikte resultaten (Wat) als op de gedragingen die tot deze resultaten leiden (Hoe).

Competentiemanagement

Competentiemanagement is een programma dat managers en werknemers de mogelijkheid geeft om persoonlijke ontwikkelingsplannen op te stellen die overeenstemmen met de zakelijke objectieven en met de professionele ambities van de werknemer.

Algemene competenties, maar meer en meer ook jobspecifieke competenties, werden gedefinieerd en worden getoetst aan een vooraf bepaald vaardigheidsniveau. Vaardigheden die onvoldoende aanwezig zijn, krijgen prioriteit en worden aangepakt via ontwikkelingsdoelstellingen.

Het Academy Learning Platform is voor alle werknemers toegankelijk. Het biedt een grote verscheidenheid aan technische en niet-technische trainingsmogelijkheden.

Talentmanagement

Minstens één maal per jaar nemen alle senior managers deel aan People Reviews om pro-actief kerntalenten in de organisatie te identificeren, om mobiliteit en jobrotatie te organiseren en om ervoor te zorgen dat sleutelwerknemers aan boord blijven.

Een 'Global Leadership Program' werd ingevoerd om wereldwijd talent zichtbaarder te maken en om de coaching en ontwikkeling van talenten te ondersteunen. Voorts hebben verscheidene regio's ook lokale talentprogramma's opgezet.

Beleid en praktijken op het vlak van beloning

Het tewerkstellen van mensen is een investering op lange termijn. Tegenwoordig ervaren wereldwijde organisaties meer en meer concurrentie bij het aanwerven en behouden van personeelsleden. Daarom biedt Agfa alle werknemers competitieve 'Compensation & Benefits'-pakketten. De meeste managers hebben een variabel deel in hun salarispakket. De uitbetaling van dit variabele deel hangt af van de prestatie van de Agfa-Gevaert Groep, van de respectieve businessgroep en van de regio en van de individuele prestatie ('Global Bonus Plan').

Om ervoor te zorgen dat het loon overeenkomstig de markt is, gebruikt Agfa een formeel jobevaluatiesysteem en neemt het deel aan salarisonderzoeken om loonbeleid constant te toetsen ('Total Target Cash').

Agfa stelt zich tot doel om de Total Target Cash op gemiddeld de 67ste percentiel van de markt te hebben. Het pakket van de individuele werknemer wordt aangepast op basis van zijn/haar prestaties en expertise.

Agfa streeft ernaar concurrerende maar kostenefficiënte kortetermijn- en langetermijnvoordelen aan te bieden. De belangrijkste voordelen zijn: een pensioenplan, een levensverzekering en een verzekering tegen medische kosten. De voordelen kunnen sterk van land tot land verschillen, naargelang de plaatselijke regels en gewoontes.

Arbeidspraktijken

Agfa streeft ernaar een werkgever te zijn met duidelijk omschreven en toegepaste veiligheids- en gezondheidsnormen, die alle wettelijke bepalingen naleeft en zich houdt aan de algemene bepalingen van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.

Diversiteit

Diversiteit is voor Agfa een belangrijk aandachtspunt en de onderneming heeft hieromtrent beleidsmaatregelen en procedures ingesteld. Ze worden beschreven in de gedragscode van de Onderneming en in het antidiscriminatiebeleid in de verklaring inzake ethisch zakendoen.

Vrijheid van vereniging

Agfa houdt zich aan de algemene principes van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en ondersteunt en respecteert het recht van zijn werknemers om zich te verenigen in vakbonden en andere organisaties die de rechten van werknemers in hun relatie met Agfa als werkgever behartigen.

In elk land waar het actief is, treedt Agfa in dialoog met de vertegenwoordigers van de werknemers. In de meeste Europese landen nemen ondernemingsraden de vertegenwoordiging van de werknemers op zich. Op Europees niveau is er een Europese ondernemingsraad werkzaam. Voor zaken op het vlak van gezondheid en veiligheid zijn vaak lokale comités, bestaande uit vertegenwoordigers van de werknemers en de werkgever, actief. Ze zijn vaak ook verplicht door de plaatselijke wetgeving.

Ondersteuningsprogramma's voor werknemers

Naast de strikte toepassing van de gedragscode heeft de grote meerderheid van Agfa's dochterondernemingen een formeel systeem ingesteld voor het ondersteunen van werknemers die problemen zoals pesterij en discriminatie of belangenconflicten willen melden. Klachten worden op een systematische en vertrouwelijke manier behandeld en er werden gespecialiseerde en onafhankelijke contactpersonen aangesteld. Voor elke vestiging werden eveneens plaatselijke HR-contactpersonen aangesteld, zodat werknemers individuele problemen indien nodig op een vertrouwelijke manier kunnen melden.

Interne communicatie

Om een degelijke éénstemmige interne communicatie te verzekeren heeft Agfa specifieke communicatiekanalen opgezet. De bedoeling is de werknemers op een professionele en objectieve manier te informeren over alle bedrijfsgerelateerde onderwerpen.

Hiertoe wordt Agfa's intranet gebruikt als belangrijk intern medium dat alle bedrijfs- of afdelingsinformatie groepeert, zowel plaatselijk als wereldwijd. De informatie wordt regelmatig bijgewerkt. Ze heeft betrekking op alle niveaus van Agfa's organisatie en op de activiteiten. In 2012 werd het intranet grondig aangepast om te voldoen aan de hedendaagse communicatiebehoeftes. Collega's die op hun werkplek geen toegang tot het intranet hebben worden geïnformeerd via alternatieve media, zoals gedrukte nieuwsbrieven.

Voorts krijgen alle werknemers een update over de kwartaalresultaten en andere belangrijke onderwerpen tijdens de Infotour-presentaties die elk kwartaal in elke vestiging worden georganiseerd. Tijdens deze meetings worden de prestaties en de resultaten van de Groep en van de businessgroepen in detail besproken. Deelnemers worden uitgenodigd om deze onderwerpen en onderwerpen die hiermee te maken hebben te bespreken met hun management.

Tenslotte vervolledigen plaatselijke communicatie-initiatieven, zoals personeelsmagazines, nieuwsbrieven en personeelsvergaderingen, de hierboven vermelde communicatie.

Woordenlijst

afvalwaterbelasting

Lozing van chemische en fysische afvalstoffen van productieprocessen in water.

AOX

De som van de organische halogeenverbindingen in water die onder gestandaardiseerde omstandigheden kunnen geadsorbeerd worden door geactiveerde koolstof.

ASEAN

De Association of Southeast Asian Nations bestaat uit Brunei, Cambodja, Indonesië, Laos, Maleisië, Myanmar, Filippijnen, Singapore, Thailand en Vietnam. De organisatie heeft tot doel de samenwerking tussen de lidstaten te ondersteunen.

beeldverwerkingssoftware

Deze softwaretoepassingen analyseren digitale medische beelden en passen automatisch beeldverbeteringstechnieken toe om alle details beter in beeld te brengen. Ze verbeteren de workflow in de radiografieafdelingen en ze geven de radioloog de mogelijkheid om sneller en accurater te werken. Agfa HealthCare's MUSICA-software wordt algemeen erkend als een norm in deze markt.

biologisch afbreekbaar

Eigenschap die maakt dat chemische verbindingen door een biologische behandeling kunnen afgebroken worden.

biologische afvalwaterbehandeling

Micro-organismen zijn in staat stoffen in oppervlaktewater af te breken. Bij de afvalwaterverwerking wordt selectief gebruik gemaakt van dit natuurlijke proces.

capacitieve sensor

Een capacitieve sensor detecteert alles wat geleidbaar is of wat een andere dielectriciteit heeft dan lucht. Capacitieve sensoren vervangen mechanische drukknoppen.

chemievrije drukplaat

Een drukplaat die na de belichting geen extra chemische behandelingen nodig heeft.

Clinical Information System (CIS)

Deze uitgebreide, geïntegreerde IT-systemen zijn ontworpen voor het verzamelen, opslaan, bewerken en beschikbaar maken van clinische informatie met belang voor de zorgverstrekking. Clinical Information Systems kunnen beperkt zijn tot een bepaald vakgebied (bv. IT-systemen voor de laboratoria, systemen voor het beheer van electrocardiogrammen), maar er bestaan ook uitgebreide systemen die betrekking hebben op vrijwel alle clinische informatie (bv. elektronische medische dossiers).

CO2

Koolstofdioxide; komt vrij bij de verbranding van organische brandstof.

computed radiography (CR)

Technologie waarbij röntgenbeelden gemaakt worden met conventionele röntgenapparatuur, maar waarbij de beelden vastgelegd worden op herbruikbare platen, in plaats van op röntgenfilm. De informatie op de platen wordt gelezen door een digitizer, wat een digitaal beeld oplevert. Aangepaste beeldverwerkingssoftware (zoals Agfa's MUSICA) kan gebruikt worden om de kwaliteit van de beelden automatisch te optimaliseren voor het stellen van diagnoses. De digitale beelden kunnen ook aangevuld worden met manuele input (aantekeningen, afmetingen,…). Ze worden beheerd en gearchiveerd op een Picture Archiving and Communication System.

zie ook direct radiography

computer-to-film (CtF)

Een proces waarbij de pagina's of de illustraties van drukwerk – bijvoorbeeld de pagina's van kranten of magazines – rechtstreeks vanaf computerfiles digitaal belicht worden op een (transparante) film. De films worden dan chemisch ontwikkeld en gebruikt om drukplaten te maken. zie ook computer-to-plate

computer-to-plate (CtP)

Een proces waarbij de pagina's of de illustraties van drukwerk – bijvoorbeeld de pagina's van kranten of magazines – rechtstreeks vanaf computerfiles digitaal belicht worden op drukplaten, zonder dat daarbij film nodig is. zie ook computer-to-film

contrastmedia

Voor een onderzoek met röntgen-, CT- of MRI-technologie kunnen patiënten contrastmedia toegediend krijgen. Deze contrastvloeistoffen worden gebruikt om specifieke anatomische structuren (vooral bloedvaten) beter te doen uitkomen op de beelden.

CT (computertomografie of computed tomography)

Een CT-scanner gebruikt een reeks röntgenstralen om 'beeldschijven' van het lichaam te maken. Agfa's productportfolio bevat geen CT-scanners, maar zijn Picture Archiving and Communication Systems worden gebruikt voor het beheer en de 3D-visualisatie van de digitale beelden. Met Agfa's hardcopyprinters kunnen hoogkwalitatieve afdrukken van de beelden gemaakt worden.

CtF

zie computer-to-film

CtP

zie computer-to-plate

CZV

Chemisch zuurstofverbruik: de hoeveelheid zuurstof die nodig is voor de chemische oxidatie van in water aanwezige stoffen.

digitale radiografie

Een vorm van röntgenonderzoek waarbij digitale technologie gebruikt wordt in plaats van traditionele fotografische röntgenfilm. De meest gebruikelijke technologieën voor digitale radiografie zijn computed radiography en direct radiography.

digitizer

zie computed radiography

direct radiography (DR)

Radiografische technologie die röntgenenergie omzet in digitale gegevens zonder als tussenstap gebruik te maken van film of platen voor het vastleggen van beelden. Deze digitale data genereren een diagnostisch beeld op een PC. Het feit dat het om digitale gegevens gaat, opent een hele reeks mogelijkheden op het gebied van beeldoptimalisering en -aanvulling en van archivering op Picture Archiving and Communication Systems. DR-systemen worden meestal gebruikt in gecentraliseerde radiologieomgevingen. zie ook computed radiography

drukplaat

- voor computer-to-film-technologie

Drukplaten die bestaan uit een hoogkwalitatief aluminium-substraat en een deklaag die ontworpen is om te weerstaan aan relatief hoge hoeveelheden ultravioletenergie (UV). Een belichte film wordt vacuüm in contact gebracht met een plaat. De UV-lichtbron kopieert de gegevens van de film op de plaat. De afbeeldingen en tekst zijn de opake delen van de film, de rest is transparant. Het UV-licht treft de plaat alleen waar de film transparant is. Een chemisch ontwikkelingsprocédé etst de belichte delen van de plaat, terwijl de niet-belichte delen onveranderd blijven. De inkt hecht zich aan de belichte – of chemisch behandelde – delen tijdens het drukproces.

- voor computer-to-plate-technologie

Drukplaten die bestaan uit een hoogkwalitatief geruwd en geanodiseerd aluminiumsubstraat en een deklaag (uit zilver of fotopolymeer) die duizend keer gevoeliger is dan die van CtF-platen. De lasers die gebruikt worden voor het belichten van deze platen werken met thermische energie of zichtbaar licht. De deklaag reageert op de laserenergie waardoor chemische/fysische veranderingen aan het oppervlak van de plaat ontstaan. Net als de CtF-platen worden de CtP-platen daarna ontwikkeld om een plaat te creëren waarmee gedrukt kan worden. Bij enkele technologieën is er geen ontwikkeling van de plaat meer nodig.

drukproef

De drukproef die door de klant (de koper van drukwerk) wordt goedgekeurd. Ze toont hoe de kleuren door de drukpers weergegeven zullen worden. De drukker gaat dus een 'contract' over de kleurendruk aan met de klant. Deze weergave van het uiteindelijke resultaat wordt mogelijk gemaakt door Agfa Graphics' hoogtechnologische softwaresystemen voor kleurenbeheer.

drukvoorbereiding (of prepress)

De voorbereiding en verwerking van beelden, tekst en documentgegevens voordat ze op drukplaten overgebracht worden, inclusief het scannen met hoge resolutie van beelden, de separatie van kleuren, de verschillende types van proefdrukken, enz.

e-health

Term voor het gebruik van informatie- en communicatietechnologie in de gezondheidszorgsector.

Electronic Health Record (EHR)

Wanneer het Electronic Patient Record van een persoon gekoppeld wordt aan zijn/ haar niet-medische elektronische dossiers van organisaties als overheden en verzekeringsmaatschappijen, ontstaat een EHR.

Woordenlijst 198

Electronic Patient Record (EPR)

Het elektronisch alternatief voor het patiëntendossier op papier. Het EPR bevat alle gegevens van een patiënt, waaronder demografische info, de onderzoekopdrachten en -resultaten, laboratoriumrapporten, radiologische beelden en rapporten, behandelingsplannen, speciale dieetvereisten, enz. Het kan eenvoudig in het hele ziekenhuis en eventueel zelfs daarbuiten geraadpleegd worden.

flexodruk

Druktechniek waarbij flexibele, rubberen of kunststof drukplaten bevestigd worden op drukrollen. De inkt wordt op de drukplaten aangebracht, die dan als een stempel tegen het papier of ander substraat gedrukt worden.

FDA

FDA staat voor Food and Drug Administration. De organisatie is een federaal agentschap van het Amerikaanse ministerie van volksgezondheid en welzijn. Het FDA is verantwoordelijk voor de bescherming van de volksgezondheid door de veiligheid, werkzaamheid en veiligheid te garanderen van geneesmiddelen voor mensen en dieren; biologische producten; medische apparatuur; de Amerikaanse voedselvoorziening; cosmetica; en producten die straling uitzenden.

gedrukte schakeling (printed circuit board of PCB)

Een dunne plaat (ook bord genoemd) waarop chips en andere elektronische componenten bevestigd worden. Computers bevatten een of meer borden. Gedrukte schakelingen worden ook printplaten of printed circuit boards genoemd.

geluidsregistratiefilm

Op polyester gebaseerde film die speciaal ontworpen is voor het opnemen en printen van alle hedendaagse types van soundtracks, zoals analoge en digitale soundtracks, Dolby, DTS (Digital Theater Systems) en SDDS (Sony Dynamic Digital Sound).

grootformaatprinter

Ook breedformaatprinter genoemd. Digitale printer die op vellen of rollen van 24 inch/60 cm of breder drukt.

hardcopy

Een hardcopy is de uitgeprinte versie van een digitaal beeld. De hardcopyprinters van Agfa HealthCare kunnen medische beelden printen die afkomstig zijn van verschillende bronnen: CT-scanners, MRI-scanners, systemen voor computed radiography (CR) en direct radiography (DR), ... Agfa's gamma bevat zowel zogenaamde 'natte' als 'droge' printers. Natte lasertechnologie maakt gebruik van waterige chemische oplossingen voor de ontwikkeling van het beeld. De milieuvriendelijke droge technologie print het beeld rechtstreeks van de computer op een speciale film door middel van thermische effecten.

Hospital Information System (HIS)

Deze uitgebreide, geïntegreerde IT-systemen beheren de medische, administratieve, financiële, en legale aspecten van een zorgorganisatie.

IMPAX

IMPAX is de merknaam van Agfa HealthCare's gamma aan Picture Archiving and Communication Systems (PACS) en Radiology Information Systems (RIS).

inkjetsysteem

Elke printer die extreem kleine inktdruppels op het papier aanbrengt om een beeld te creëren. Het kan gaan van kleine apparaten voor gebruik in kantoren, over middelgrote printers voor bijvoorbeeld het printen van posters tot grote systemen voor industriële toepassingen.

kleurenfilm voor het maken van filmkopieën (motion pictures)

Film waarmee kopieën gemaakt worden van de moederversie van een bioscoopfilm. Deze kopieën worden aan de bioscopen geleverd.

lagemigratie-inkt

Deze inkt is geschikt om gebruikt te worden voor voedselverpakking. De inkt is zo ontwikkeld dat er geen (of slechts een beperkte hoeveelheid) chemische deeltjes door de verpakking kunnen dringen. Zo wordt contaminatie van het voedsel tegengegaan.

legende

Een legende wordt geprint op gedrukte schakelingen. Ze bevat informatie die helpt bij de assemblage, het testen en het onderhoud van de gedrukte schakeling.

membraan

Een dunne, flexibele laag van een materiaal dat ontworpen is om componenten van een oplossing van elkaar te scheiden.

membraanschakelaar

Een membraanschakelaar is een elektrische schakelaar om een circuit aan of uit te schakelen. Membraanschakelaars zijn interfaces tussen gebruiker en apparaat. Het kunnen zowel heel eenvoudige schakelaars zijn, zoals verlichtingschakelaars, als heel complexe, zoals membraankeyboards en schakelpanelen voor computers.

modaliteiten

Hiermee worden in dit verslag de verschillende beeldvormingssystemen bedoeld, waaronder radiografieapparatuur, MRI-scanners en CT-scanners. Deze systemen kunnen worden aangesloten op een Picture Archiving and Communication System (PACS) van Agfa HealthCare.

MRI (Magnetic Resonance Imaging)

De MRI-scanner creëert een magnetisch veld rond de patiënt. Het systeem produceert beelden door radiogolven te pulseren, gericht op de te onderzoeken lichaamsdelen. Agfa HealthCare's productportfolio bevat geen MRI-scanners, maar zijn Picture Archiving and Communication Systems (PACS) worden gebruikt om de digitale beelden te beheren en te visualiseren. Met Agfa HealthCare's hardcopyprinters kunnen hoogkwalitatieve afdrukken van de beelden gemaakt worden.

N

Stikstof.

niet-destructief materiaalonderzoek

Bij deze onderzoeksmethode worden de structuur en de tolerantie van materialen gecheckt zonder ze te beschadigen of te vervormen.

NOX

Stikstofoxide; komt bijvoorbeeld tot stand door verbranding met lucht.

offset

Druktechniek waarbij dunne aluminium drukplaten om een cilinder gebogen worden. Al roterend nemen de drukplaten op de juiste plaatsen respectievelijk inkt of water aan. De inkt wordt overgebracht op een rubberen doek dat op een tweede cilinder is bevestigd. Vervolgens wordt de inkt van het rubber op het te bedrukken oppervlak overgebracht.

OHSAS 18001

Internationale norm voor gezondheids- en veiligheidsbeheersystemen. OHSAS staat voor Occupational Health and Safety Assessment System.

P

Fosfor.

PET (polyethyleentereftalaat of polyester)

Polyethyleentereftalaat of polyester wordt geproduceerd op basis van ethyleenglycol en tereftaalzuur. Het is de basisgrondstof voor het substraat van fotografische film. Het wordt gecoat met verschillende types van chemische lagen voor, bijvoorbeeld, medische of grafische doeleinden.

Picture Archiving and Communication System (PACS)

Agfa HealthCare's PACS-systemen worden op de markt gebracht onder de merknaam IMPAX. Oorspronkelijk waren deze systemen enkel bedoeld om de diagnostische beelden van radiologieafdelingen efficiënt te archiveren en ter beschikking te stellen van de gebruikers. Dankzij specifieke softwareontwikkelingen is IMPAX ook geschikt voor gebruik in andere ziekenhuisafdelingen, zoals cardiologie, orthopedie en vrouwengeneeskunde. Uitgebreide PACS-systemen kunnen alle ziekenhuisafdelingen die intensief met beelden werken in een netwerk verbinden. Met Agfa HealthCare's MUSICA-software kunnen beelden op het PACS-systeem bewerkt en geoptimaliseerd worden.

plaatbelichter

Een plaatbelichter 'kopieert' op een digitale manier gegevens van de computer op drukplaten, die dan ontwikkeld en op de drukpers geplaatst worden. Er zijn vlakbed- en trommelplaatbelichters. In de eerste blijven de platen vlak tijdens het belichtingsproces, terwijl ze in het laatste geval rondom of binnenin een trommel bevestigd worden.

polymeer

Een polymeer is een grote molecule die is opgebouwd uit aan elkaar gekoppelde kleinere eenheden (monomeren). Er bestaan zowel natuurlijke (bv. eiwitten en rubber) als synthetische (bv. plastic, nylon) polymeren. Geleidende polymeren geleiden elektriciteit. Orgacon™ is de merknaam voor Agfa Specialty Products' productlijn op basis van geleidende polymeren.

Radiology Information System (RIS)

Agfa HealthCare's RIS-systemen worden op de markt gebracht onder de naam IMPAX. Het zijn computergestuurde oplossingen voor de planning, de follow-up en de communicatie van alle gegevens over patiënten en hun onderzoeken in de radiologieafdeling, startend vanaf het moment dat een onderzoek werd aangevraagd tot en met het rapport van de radioloog. Het RIS hangt nauw samen met het Picture Archiving and Communication System (PACS) (voor de beelden die deel uitmaken van de onderzoeken).

rasteren

Het creëren van een patroon van punten van verschillende grootte, gebruikt om kleuren- of grijswaardenbeelden weer te geven. Er bestaan verschillende rastertechnologieën.

RFID-antenne

RFID staat voor Radio Frequency Identification, of identificatie met radiogolven. Het staat voor de techniek van automatische identificatie waarbij gebruik gemaakt wordt van radiosignalen om informatie uit te sturen vanuit zogenaamde tags die vastgehecht zijn aan voorwerpen of ingebouwd zijn in ID-kaarten. Er is

geen fysiek contact nodig tussen de tag en het identificatieapparaat omdat de gegevens overgedragen worden via een antenne die eveneens in – bijvoorbeeld – de ID-kaart ingebed zit.

RSNA

Radiological Society of North America. De missie van de RSNA is het promoten en ontwikkelen van de hoogste standaarden voor radiologie en verwante wetenschappen door educatie en onderzoek. De RSNA is gastheer van de grootste jaarlijkse meeting voor radiologie ter wereld.

SO2

Zwaveldioxide; komt vrij als bijproduct bij de verbranding van zwavelhoudende brandstoffen.

TeraJoule (TJ)

Joule is de eenheid van arbeid, energie en warmte; Tera =10¹².

thermische (drukplaat)

Bij thermische plaatbelichting gebruikt de plaatbelichter warmte-energie om de drukplaten te belichten.

UV-inkt

UV-inkt (of UV curable ink) bestaat vooral uit acryl-monomeren. Na het drukken wordt de inkt door een hoge dosis ultraviolet licht getransformeerd tot een harde gepolymeriseerde film. UV-inkt droogt onmiddellijk, kan gedrukt worden op een grote verscheidenheid aan dragers en zorgt voor een heel duurzaam beeld. Hij bevat geen schadelijke bestanddelen zoals VOC's (Vluchtige Organische Componenten) of solventen en hij verdampt niet.

valorisatie

Het hergebruiken van afval voor nuttige toepassingen buiten het productieproces.

VAS

Vluchtige Anorganische Stoffen.

violette (drukplaat)

Violette (laser)technologie belicht drukplaten door gebruik te maken van de violette band van het zichtbaar-lichtspectrum. Ze zorgt voor een snelle productie, eenvoudige bediening en grote betrouwbaarheid.

virtuele colonoscopie

Onderzoek waarbij met behulp van CT-scans poliepen en kankergezwellen in de dikke darm opgespoord worden. Agfa HealthCare's software voegt de CT-beelden samen tot een 3D-weergave van de binnenzijde van de dikke darm. De radioloog kan zo virtueel door de dikke darm navigeren om oneffenheden in de darmwand op te sporen. In tegenstelling tot de conventionele colonoscopie moet bij deze technologie dus geen buis bij de patiënt worden ingebracht.

vlakbedprinter

Bij vlakbedprinters ligt het papier (of een andere drager) op een vlak oppervlak, terwijl de printkoppen erover bewegen om het beeld erop te printen.

VOS

Vluchtige Organische Stoffen.

WAP

Wet op de aanvullende pensioenen (wet van 28 april 2003, uitgevoerd bij KB van 14 november 2003).

workflowsoftware

Software die operators in staat stelt het drukvoorbereidingsproces te controleren via een interface. Hij stroomlijnt de opdrachten door de individuele stappen in het drukvoorbereidingsproces te automatiseren, wat tijd bespaart en kosten reduceert.

zeefdruk

Drukproces waarbij de inkt door een metalen of nylon zeef op het papier wordt gegoten. De zeef is door middel van sjablonen waterdicht gemaakt op de plaatsen waar het papier niet bedrukt moet worden.

GECONSOLIDEERDE WINST- EN VERLIESREKENING 2010-2014

MILJOEN EURO 2014 2013 2012 2011 2010
Opbrengsten 2.620 2.865 3.091 3.023 2.948
Kostprijzen van de verkopen (1.813) (2.031) (2.222) (2.181) (1.950)
Brutowinst 807 834 869 842 998
Verkoopkosten (336) (361) (388) (388) (394)
Kosten van onderzoek en ontwikkeling (146) (146) (163) (162) (153)
Algemene beheerskosten (172) (177) (192) (197) (214)
Overige bedrijfsopbrengsten 90 163 131 136 (1) 336
Overige bedrijfskosten (107) (150) (161) (195) (1) (339)
Resultaat uit bedrijfsactiviteiten 136 163 96 36 234
Financieringsbaten (-kosten) - netto (15) (17) (15) (12) (11)
Overige financieringsbaten (-kosten) - netto (44) (54) (70) (2) (72) (83)
Nettofinancieringslasten (59) (71) (85) (2) (84) (94)
Winst (verlies) voor belastingen 77 92 11 (2) (48) 140
Winstbelastingen (18) (43) (20) (23) (36)
Winst (verlies) over het boekjaar 59 49 (9) (2) (71) 104
Winst (verlies) toewijsbaar aan: 59 49 (9) (2) (71) 104
Aandeelhouders van de Onderneming 50 41 (19) (2) (73) 105
Minderheidsbelangen 9 8 10 2 (1)
Winst per aandeel (euro)
Gewone winst per aandeel 0,30 0,25 (0,11) (2) (0,44) 0,80
Verwaterde winst per aandeel 0,30 0,25 (0,11) (2) (0,44) 0,80

(1) TIJDENS 2012 HEEFT DE GROEP CONSEQUENT HET BOEKHOUDKUNDIG BELEID TOEGEPAST DAT OOK IN HET VOORGAANDE JAAR GOLD, MET UITZONDERING VAN DE WEERGAVE VAN DE KOERSRESULTATEN. DE GROEP HEEFT HAAR KOERSWINSTEN EN -VERLIEZEN PER VALUTA NETTO VOORGESTELD OM BETER IN LIJN TE ZIJN MET DE THESAURIE- EN AFDEKKINGSPOLITIEK VAN DE GROEP. VOOR HET VOLLEDIG JAAR 2012 WERD ZO 150 MILJOEN EURO, RESPECTIEVELIJK 74 MILJOEN EURO IN MINDERING GEBRACHT VAN DE OPERATIONELE EN NIET-OPERATIONELE KOERSWINSTEN EN -VERLIEZEN. VERGELIJKENDE INFORMATIE OVER 2011 WERD AANGEPAST AAN DEZE NIEUWE VOORSTELLINGSWIJZE. VOOR HET VOLLEDIG JAAR 2011 WERDEN DE OPERATIONELE KOERSWINSTEN EN -VERLIEZEN ELK MET 130 MILJOEN EURO VERMINDERD, DE KOERSWINSTEN EN -VERLIEZEN OPGENOMEN IN DE INTEREST OP DE NETTOVERPLICHTING WERDEN MET 145 MILJOEN EURO VERMINDERD. DE GROEP MEENT DAT DEZE HERZIENE VOORSTELLINGSWIJZE DE GEBRUIKERS VAN DE JAARREKENING RELEVANTERE INFORMATIE VERSCHAFT.

(2) GEDURENDE 2013 HEEFT DE GROEP HET BOEKHOUDKUNDIG BELEID CONSEQUENT TOEGEPAST DAT OOK IN HET VOORGAANDE JAAR GOLD, MET UITZONDERING VAN DE GEWIJZIGDE REGELS VOOR VERPLICHTINGEN WEGENS VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING MEER BEPAALD INZAKE DE BEPALING VAN DE PENSIOENKOST VAN DE PERIODE EN DE NETTOVERPLICHTING VAN DE TOEGEZEGDPENSIOENREGELINGEN. DEZE WIJZIGINGEN ZIJN HET GEVOLG VAN DE TOEPASSING VAN DE AANPASSINGEN AAN DE STANDAARD IAS 19 ZOALS GEPUBLICEERD IN IAS 19 (GEWIJZIGD 2011). DOOR DE TOEPASSING VAN DEZE HERZIENE STANDAARD ZIJN DE OVERIGE FINANCIERINGSKOSTEN VOOR 2012 VERMINDERD MET 22 MILJOEN EURO, VAN 99 MILJOEN EURO NAAR 77 MILJOEN EURO. DEZE HERZIENING HEEFT TEVENS EEN IMPACT GEHAD OP DE BEREKENING VAN DE WINST PER AANDEEL OVER 2012, VAN MINUS 0,24 EURO NAAR MINUS 0,11 EURO PER AANDEEL.

GECONSOLIDEERDE BALANS 2010-2014

MILJOEN EURO 31 dec. 2014 31 dec. 2013 31 dec. 2012 31 dec. 2011 31 dec. 2010
ACTIVA
Vaste activa 1.039 1.066 1.156 1.221 1.253
Immateriële activa 615 618 654 681 680
Materiële vaste activa 234 242 277 301 313
Investeringen 17 11 10 15 14
Uitgestelde belastingvorderingen 173 195 215 224 246
Vlottende activa 1.509 1.502 1.674 1.728 1.833
Voorraden 512 542 635 639 583
Handelsvorderingen 538 585 636 672 619
Actuele belastingvorderingen 107 95 97 82 68
Overige vorderingen en overige vlottende activa 120 126 149 214 295
Overlopende rekeningen 34 25 27 20 19
Derivaten 2 3 3 1 10
Geldmiddelen en kasequivalenten 196 126 127 100 239
TOTAAL ACTIVA 2.548 2.568 2.830 2.949 3.086
EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN
Eigen vermogen 146 368 169 (3) 995 1.063
Toewijsbaar aan aandeelhouders van
de Onderneming 93 325 133 (3) 960 1.033
Maatschappelijk kapitaal 187 187 187 187 187
Uitgiftepremies 210 210 210 210 210
Ingehouden winsten 709 664 623 (3) 642 703
Reserves (92) (91) (85) (90) (68)
Valutakoersverschillen (16) (28) 6 11 1
Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdienst-
treding: herwaardering van de nettoverplichting
uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen
(905) (617) (808) (3) - -
Toewijsbaar aan minderheidsbelangen 53 43 36 35 30
Langlopende verplichtingen 1.443 1.397 1.795 (3) 988 1.053
Verplichtingen wegens vergoedingen
na uitdiensttreding
1.267 1.002 1.315 (3) 542 559
Overige personeelsvergoedingen 12 11 12 13 14
Rentedragende verplichtingen 125 319 410 352 379
Voorzieningen 14 11 15 25 24
Overlopende rekeningen 2 1 1 4 6
Uitgestelde belastingverplichtingen 23 53 42 52 71
Kortlopende verplichtingen 959 803 866 966 970
Rentedragende verplichtingen 197 24 8 15 21
Voorzieningen 155 160 173 223 200
Handelsschulden 230 239 278 275 246
Uitgestelde opbrengsten en vooruitbetalingen 125 121 138 145 152
Actuele belastingverplichtingen 56 54 56 47 50
Overige te betalen posten 85 95 109 149 182
Personeelsbeloningen 93 97 99 94 114
Overlopende rekeningen 4 3 3 4 4
Derivaten 14 10 2 14 1
TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN 2.548 2.568 2.830 2.949 3.086

(3) GEDURENDE 2013 HEEFT DE GROEP HET BOEKHOUDKUNDIG BELEID CONSEQUENT TOEGEPAST DAT OOK IN HET VOORGAANDE JAAR GOLD, MET UITZONDERING VAN DE GEWIJZIGDE REGELS VOOR VERPLICHTINGEN WEGENS VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING MEER BEPAALD INZAKE DE BEPALING VAN DE PENSIOENKOST EN DE NETTOVERPLICHTING VAN DE TOEGEZEGDPENSIOENREGELINGEN. DEZE WIJZIGINGEN ZIJN HET GEVOLG VAN DE TOEPASSING VAN DE AANPASSINGEN AAN DE STANDAARD IAS 19 ZOALS GEPUBLICEERD IN IAS 19 (GEWIJZIGD 2011). DOOR DE TOEPASSING VAN DEZE HERZIENE STANDAARD IS DE NETTOVERPLICHTING UIT HOOFDE VAN TOEGEZEGDPENSIOENREGELINGEN OP 1 JANUARI 2013 GESTEGEN MET 786 MILJOEN EURO, ZIJNDE 767 MILJOEN EURO VOOR DE MATERIËLE LANDEN VAN DE GROEP EN 19 MILJOEN EURO VOOR DE ANDERE LANDEN. DEZE IMPACT WERD GEBOEKT IN HET EIGEN VERMOGEN VIA DE INGEHOUDEN WINSTEN VOOR HET GEDEELTE DAT BETREKKING HAD OP DE AANPASSINGEN IN DE BEPALING VAN DE PENSIOENKOST OVER 2012 WAT RESULTEERDE IN EEN STIJGING VAN DE INGEHOUDEN WINSTEN MET 22 MILJOEN EURO; HET OVERIGE BEDRAG ZIJNDE MINUS 808 MILJOEN EURO WERD GEBOEKT IN EEN APARTE LIJN BINNEN HET EIGEN VERMOGEN ZIJNDE 'VERPLICHTINGEN WEGENS VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING: HERWAARDERING VAN DE NETTOVERPLICHTING UIT HOOFDE VAN TOEGEZEGDPENSIOENREGELINGEN'. DE IMPACT VAN DE GEWIJZIGDE REGELGEVING IS GEREFLECTEERD IN DE HERZIENE OPENINGSBALANS PER 1 JANUARI 2012 EN DE BALANS PER 31 DECEMBER 2012 ALSOOK IN HET RESULTAAT OVER 2012. DE IMPACT OP DE BALANS PER 31 DECEMBER 2012 IS HETZELFDE ALS DE IMPACT OP DE BALANS PER 1 JANUARI 2013. DE OPENINGSBALANS OP 1 JANUARI 2012 BEVAT HERWAARDERINGEN VAN DE NETTOVERPLICHTING UIT HOOFDE VAN DE TOEGEZEGDPENSIOENREGELINGEN TEN BELOPE VAN 704 MILJOEN EURO, ZIJNDE 687 MILJOEN EURO VOOR DE MATERIËLE LANDEN VAN DE GROEP EN 17 MILJOEN EURO VOOR DE ANDERE LANDEN.

204

GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT 2010-2014

MILJOEN EURO 2014 2013 2012 2011 2010
Winst (verlies) over het boekjaar 59 49 (9) (1) (71) 104
Aanpassingen voor
- Afschrijvingen en bijzondere waardeveminderingsverliezen 69 86 87 94 96
- Wijzigingen in de reële waarde van derivaten - (1) - 1 -
- Toegekende subsidies (9) (10) (11) (7) (2)
- (Winsten) verliezen uit de realisatie van vaste activa (1) (1) - (1) (7)
- Winst uit een voordelige koop - - - - (4)
- Nettofinancieringslasten 59 71 85 (1) 84 94
- Winstbelastingen 18 43 20 23 36
195 237 172 123 317
Wijzigingen in
- Voorraden 46 73 (7) (38) (34)
- Handelsvorderingen inbegrepen ontvangsten uit securisatie
van handelsvorderingen
64 26 29 6 74
- Handelsschulden (5) (36) 4 30 (6)
- Uitgestelde opbrengsten en ontvangen vooruitbetalingen (3) (11) (7) (16) 20
- Overige kortlopende activa en verplichtingen (15) 1 (12) (37) (3)
- Langlopende voorzieningen (89) (158) (103) (74) (107)
- Kortlopende voorzieningen (18) (10) (31) (2) (1)
Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten 175 122 45 (8) 260
Betaalde belastingen (24) (15) (13) (19) (25)
Nettokasstromen uit (gebruikt in) bedrijfsactiviteiten 151 107 32 (27) 235
Ontvangen rente 2 2 3 3 3
Ontvangsten uit de verkoop van immateriële activa 4 2 3 4 3
Ontvangsten uit de verkoop van materiële vaste activa 4 4 3 5 6
Ontvangsten uit de verkoop van activa aangehouden voor verkoop - - - - 5
Investeringen in immateriële activa (1) (2) (3) (5) (12)
Investeringen in materiële vaste activa (36) (38) (41) (55) (48)
Veranderingen in de leaseportfolio 6 11 12 4 32
Overname van dochteronderneming na aftrek van verworven
geldmiddelen
- - - (28) (71)
Wijzigingen in andere investeringsactiviteiten (6) - 3 1 6
Nettokasstromen uit investeringsactiviteiten (27) (21) (20) (71) (76)
Betaalde rente (17) (19) (29) (14) (15)
Betaalde dividenden aan minderheidsbelangen (5) - - - -
Kapitaalverhoging - - - - 145
Ontvangsten en terugbetalingen uit rentedragende leningen (22) (70) 52 (23) (176)
Overige financieringskasstromen (11) 11 (9) (8) (3)
Nettokasstromen uit financieringsactiviteiten (55) (78) 14 (45) (49)
Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten 69 8 26 (143) 110
Geldmiddelen en kasequivalenten op 1 januari 125 125 98 238 118
Impact van valutakoersverschillen - (8) 1 3 10
Geldmiddelen en kasequivalenten op 31 december 194 125 125 98 238

(1) GEDURENDE 2013 HEEFT DE GROEP HET BOEKHOUDKUNDIG BELEID CONSEQUENT TOEGEPAST DAT OOK IN HET VOORGAANDE JAAR GOLD, MET UITZONDERING VAN DE GEWIJZIGDE REGELS VOOR VERPLICHTINGEN WEGENS VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING MEER BEPAALD INZAKE DE BEPALING VAN DE PENSIOENKOST EN DE NETTOVERPLICHTING VAN DE TOEGEZEGDPENSIOENREGELINGEN. DEZE WIJZIGINGEN ZIJN HET GEVOLG VAN DE TOEPASSING VAN DE AANPASSINGEN AAN DE STANDAARD IAS 19 ZOALS GEPUBLICEERD IN IAS 19 (GEWIJZIGD 2011). DOOR DE TOEPASSING VAN DEZE HERZIENE STANDAARD ZIJN DE NETTOFINANCIERINGSLASTEN VOOR 2012 VERMINDERD MET 22 MILJOEN EURO, VAN 107 MILJOEN EURO NAAR 85 MILJOEN EURO.

Notering Aandelenbeurs van Brussel
Reuters Ticker AGFAt.BR
Bloomberg Ticker AGFB: BB/AGE GR
Datastream B:AGF

AANDEELHOUDERSINFORMATIE

Aandeelhoudersstructuur (15 maart 2015)

Op grond van de informatie waarover de Vennootschap beschikt ingevolge transparantieverklaringen die overeenkomstig de wettelijke en statutaire bepalingen ter zake werden ontvangen, zijn de belangrijkste aandeelhouders op dit ogenblik:

  • Classic Fund Management AG met tussen 5% en 10% van de uitstaande aandelen sinds 1 september 2008;
  • JP Morgan Securities Ltd. met tussen 3% en 5% van de uitstaande aandelen sinds 19 januari 2009;
  • Dimensional Fund Advisors LP met tussen 3% en 5% van de uitstaande aandelen sedert 5 september 2011.

Aangezien de Vennootschap momenteel in het bezit is van 2,39% eigen aandelen, ligt de 'free float' momenteel tussen 77,61% en 86,61%.

Aandeleninformatie
Eerste notering 1 juni 1999
Aantal uitstaande aandelen op 31 december 2014 167.751.190
Beurskapitalisatie op 31 december 2014 351 miljoen euro
EURO 2014 2013 2012 2011 2010
Winst per aandeel 0,30 0,25 (0,11) (1) (0,44) 0,80
Nettobedrijfskasstroom per aandeel 0,90 0,64 0,19 (0,16) 1,80
Brutodividend - - - - -
Beurskoers aan het einde van het jaar 2,09 1,76 1,33 1,23 3,2
Hoogste beurskoers van het jaar 2,78 1,76 1,75 3,57 6,60
Laagste beurskoers van het jaar 1,73 1,28 1,18 1,03 2,99
Gemiddelde volume verhandelde aandelen/dag 260.663 279.601 283.723 599.290 865.221
Gewogen gemiddelde aantal uitstaande
gewone aandelen
167.751.190 167.751.190 167.751.190 167.751.190 130.571.878

(1) GEDURENDE 2013 HEEFT DE GROEP HET BOEKHOUDKUNDIG BELEID CONSEQUENT TOEGEPAST DAT OOK IN HET VOORGAANDE JAAR GOLD, MET UITZONDERING VAN DE GEWIJZIGDE REGELS VOOR VERPLICHTINGEN WEGENS VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING MEER BEPAALD INZAKE DE BEPALING VAN DE PENSIOENKOST VAN DE PERIODE EN DE NETTOVERPLICHTING VAN DE TOEGEZEGDPENSIOENREGELINGEN. DEZE WIJZIGINGEN ZIJN HET GEVOLG VAN DE TOEPASSING VAN DE AANPASSINGEN AAN DE STANDAARD IAS 19 ZOALS GEPUBLICEERD IN IAS 19 (GEWIJZIGD 2011). DOOR DE TOEPASSING VAN DEZE HERZIENE STANDAARD ZIJN DE OVERIGE FINANCIERINGSLASTEN VOOR 2012 VERMINDERD MET 22 MILJOEN EURO, VAN 99 MILJOEN EURO NAAR 77 MILJOEN EURO. DEZE HERZIENING HEEFT TEVENS EEN IMPACT GEHAD OP DE BEREKENING VAN DE WINST PER AANDEEL OVER 2012, VAN MINUS 0,24 EURO NAAR MINUS 0,11 EURO PER AANDEEL.

Contactadres voor de aandeelhouder

Afdeling Investor Relations Septestraat 27, B-2640 Mortsel, België

TEL. +32-(0)3-444 7124 FAX +32-(0)3-444 4485 [email protected] w ww.agfa.com/investorrelations

Financiële kalender 2015
Jaarlijkse Algemene Vergadering 12 mei 2015
Resultaten eerste kwartaal 2015 12 mei 2015
Resultaten tweede kwartaal 2015 26 augustus 2015
Resultaten derde kwartaal 2015 13 november 2015

Uitgegeven door Agfa-Gevaert NV Corporate Communication Septestraat 27 B-2640 Mortsel (België)

T +32 3 444 7124

www.agfa.com

Agfa, de Agfa-rombus en andere vermelde Agfa-producten en -diensten zijn geregistreerde handelsmerken van de Agfa Groep. Ze kunnen in bepaalde jurisdicties geregistreerd zijn in naam van Agfa, België, of een van zijn filialen. Alle andere handelsmerken, productnamen en bedrijfsnamen of -logo's die in dit verslag vermeld worden, zijn eigendom van hun respectieve eigenaars.

Vormgeving Magelaan, Gent (België)

Talk to a Data Expert

Have a question? We'll get back to you promptly.