Annual Report • Mar 23, 2012
Annual Report
Open in ViewerOpens in native device viewer
| INHOUDSTAFEL | ||||
|---|---|---|---|---|
| 5 | BRIEF AAN DE AANDEELHOUDERS |
|---|---|
| 7 | KERNCIJFERS |
| 8 | BEDRIJFSPROFIEL |
| 13 | COMMENTAAR BIJ DE JAARREKENINGEN 2011 |
|---|---|
| 13 | COMMENTAAR BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING |
| 18 | COMMENTAAR BIJ DE STATUTAIRE JAARREKENING |
| 19 | RISICOFACTOREN |
| 20 | BELANGRIJKE GEBEURTENISSEN DIE NA 31 DECEMBER 2011 HEBBEN |
| PLAATSGEVONDEN EN INLICHTINGEN OVER DE OMSTANDIGHEDEN | |
| DIE DE ONTWIKKELING VAN DE GROEP AANMERKELIJK | |
| KUNNEN BEÏNVLOEDEN | |
| 20 | INFORMATIE OVER DE ONDERZOEK- & ONTWIKKELINGSACTIVITEITEN |
| 21 | INFORMATIE OVER HET BESTAAN VAN BIJKANTOREN |
| VAN DE VENNOOTSCHAP | |
| 21 | INFORMATIE OVER HET GEBRUIK VAN AFGELEIDE |
| FINANCIËLE INSTRUMENTEN | |
| 21 | VERANTWOORDING VAN DE ONAFHANKELIJKHEID EN DESKUNDIGHEID |
| OP HET GEBIED VAN BOEKHOUDING EN AUDIT VAN TENMINSTE ÉÉN | |
| LID VAN HET AUDITCOMITÉ | |
| 22 | COMMENTAAR BIJ DE ACTIVITEITEN VAN DE BUSINESSGROEPEN |
| 22 | AGFA GRAPHICS |
| 30 | AGFA HEALTHCARE |
| 38 | AGFA SPECIALTY PRODUCTS |
| 42 | DUURZAAMHEIDSVERSLAG |
| 43 | MILIEU |
| 45 | CORPORATE CITIZENSHIP & PARTICIPATIE AAN DE GEMEENSCHAP |
| 45 | HUMAN RESOURCES |
| 47 | RAAD VAN BESTUUR |
|---|---|
| 47 | SAMENSTELLING VAN DE RAAD VAN BESTUUR |
| 48 | CV'S VAN DE LEDEN VAN DE RAAD VAN BESTUUR |
| 52 | COMITÉS OPGERICHT DOOR DE RAAD VAN BESTUUR |
| AUDITCOMITÉ (AC) | |
| BENOEMINGS- EN REMUNERATIECOMITÉ (BRC) | |
| STRATEGISCH COMITÉ (SC) | |
| 52 | AANWEZIGHEID OP DE VERGADERINGEN VAN DE RAAD |
| VAN BESTUUR EN DE COMITÉS | |
| 52 | MANAGEMENT VAN DE VENNOOTSCHAP |
| 52 | CEO EN EXECUTIVE COMMITTEE (EXCO) |
| 53 | INTERNE CONTROLE- EN RISICOBEHEERSSYSTEMEN MET |
| BETREKKING TOT FINANCIËLE RAPPORTERING | |
| CONTROLEOMGEVING | |
| RISICOBEHEER | |
| CONTROLEACTIVITEITEN | |
| INFORMATIE EN COMMUNICATIE | |
| TOEZICHT | |
| 53 | EVALUATIE VAN DE RAAD VAN BESTUUR EN ZIJN COMITÉS |
| 54 | BELEID INZAKE GENDERDIVERSITEIT |
| 54 | BELEID INZAKE DE BESTEDING VAN HET RESULTAAT |
| 54 | BELEID INZAKE EFFECTENHANDEL IN AANDELEN VAN |
| DE VENNOOTSCHAP | |
| 54 | COMMISSARIS |
| 54 | INFORMATIE IN VERBAND MET BELANGRIJKE DEELNEMINGEN |
| 54 | INFORMATIE INZAKE DE INVOERING VAN DE |
| EU-OVERNAMERICHTLIJN | |
| 55 | ALGEMENE BEDRIJFSINFORMATIE |
| 55 | BESCHIKBAARHEID VAN INFORMATIE |
| 57 | VERGOEDINGEN |
|---|---|
| 57 | RAAD VAN BESTUUR |
| 58 | CEO |
| 58 | EXCO |
| 59 | AANDELEN EN OPTIES |
| 59 | VERBREKINGSVERGOEDING |
| 61 | VERKLARING OVER HET GETROUWE BEELD OVEREENKOMSTIG |
|---|---|
| HET KB VAN 14 NOVEMBER 2007 | |
| 62 | GECONSOLIDEERDE JAARREKENING |
| 62 | WINST- EN VERLIESREKENING |
| 63 | GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN |
| 64 | BALANS |
| 65 | MUTATIEOVERZICHT VAN HET EIGEN VERMOGEN |
| 66 | KASSTROOMOVERZICHT |
| 67 | TOELICHTINGEN BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING |
| 148 | VERSLAG VAN DE COMMISSARIS AAN DE ALGEMENE |
| VERGADERING DER AANDEELHOUDERS | |
| 150 | STATUTAIRE REKENINGEN |
| 153 | WOORDENLIJST |
| 159 | OVERZICHTTABELLEN 2007-2011 |
| 159 | GEONSOLIDEERDE WINST- EN VERLIESREKENING |
| 160 | GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT |
| 162 | GECONSOLIDEERDE BALANS |
| 163 | AANDEELHOUDERSINFORMATIE |
CURSIEVE WOORDEN WORDEN VERKLAARD IN DE WOORDENLIJST (P. 153-158)
CHRISTIAN REINAUDO PRESIDENT EN CHIEF EXECUTIVE OFFICER
JULIEN DE WILDE VOORZITTER VAN DE RAAD VAN BESTUUR
De wereldeconomie – en de Europese economie in het bijzonder – heeft een zeer turbulent 2011 achter de rug. Eind 2010 namen de grondstofprijzen een hoge vlucht. Die trend zette zich vorig jaar verder, onder meer door de massale speculatie in goud en zilver. Maar ook de aluminiumprijs was zeer hoog in diezelfde periode.
Zoals bekend zijn zilver en aluminium van groot belang voor de productie van onze verschillende filmproducten (zilver) en voor onze drukplaten (aluminium). De impact van deze hoge prijzen op onze kosten kan dan ook niet onderschat worden. Zilver vestigde eind april 2011 een absoluut record met een prijs van bijna 50 dollar per Troy ounce. Daarna zakte de prijs terug tot rond de 30 dollar, wat nog altijd dubbel zoveel is als in de eerste helft van 2010.
In deze moeilijke context heeft Agfa-Gevaert echter getoond dat het weerstand kan bieden aan extreme economische uitdagingen. Ondanks het feit van de versneld dalende vraag naar klassieke filmproducten, steeg de omzet van onze drie businessgroepen (exclusief wisselkoersen). Enerzijds door de organische groei van onze digitale oplossingen, anderzijds door de meerwaarde van onze recentste strategische initiatieven.
Agfa Graphics' omzet steeg door een aanzienlijke groei in het grootformaat-inkjetsegment en de overnames van Pitman en Gandi in 2010. De omzet van Agfa HealthCare steeg licht, en zoals verwacht waren in 2011 de digitale en IT-oplossingen van de businessgroep voor het eerst in staat om de achteruitgang van de traditionele filmbusiness te compenseren. Agfa Specialty Products kende een sterke groei door sterke prestaties van de segmenten Functional Foils en Advanced Chemicals & Coatings.
We mogen dus gerust stellen dat de groeistrategie, die Agfa twee jaar geleden voor zichzelf uittekende, werkt. Ondanks de moeilijke economische omstandigheden die wereldwijd een impact hebben op onze markten. De ervaringen van sommige concurrenten leren ons echter ook dat we in deze uitdagende tijden waakzaam moeten blijven.
Het is duidelijk dat de digitale oplossingen de toekomst zijn en dus moeten we de focus op deze activiteiten versterken. De economische crisis en de daaraan gekoppelde hoge zilverprijzen deden de vraag naar de meeste analoge filmproducten versneld afnemen. We zullen dan ook de kostenstructuur van onze filmproductie-eenheden in overeenstemming brengen met de structurele veranderingen in de filmindustrie.
In de context van de mondiale crisis werd ook duidelijk dat een groeistrategie in de opkomende markten van essentieel belang is. Ook hier is het belangrijk dat we onze human resources, onze productportfolio en onze kostenstructuur van onze mature markten aanpassen aan de noden van de opkomende markten. Voor al deze maatregelen werden eind 2011 reeds de nodige provisies aangelegd. Deze provisies verklaren ook voor het grootste deel het nettoverlies van de Groep in 2011.
De financiële situatie van de Agfa-Gevaert Groep is echter solide. Eind 2011 bedroeg de netto financiële schuld slechts 267 miljoen euro, waardoor de schuld/EBITDA ratio van de Groep zich op een zeer aanvaardbaar niveau bevindt. Eind juni kon Agfa-Gevaert NV een nieuwe vijfjarige revolving multideviezen kredietfaciliteit van 445 miljoen euro afsluiten met een syndicaat van zes banken. Deze nieuwe faciliteit loopt tot 31 mei 2016. Samen met de kredietfaciliteit die Agfa eind 2010 van de Europese Investeringsbank ontving, zal de nieuwe faciliteit gebruikt worden voor algemene bedrijfsdoeleinden en de realisatie van onze groeistrategie.
Zo nam Agfa HealthCare in september vorig jaar alle aandelen van WPD, een van de voornaamste gezondheidszorg-IT-bedrijven in Brazilië, over. Met bijna 200 miljoen inwoners groeit Brazilië sneller dan om het even welke Europese markt. Het land biedt dan ook aanzienlijke groeikansen op het vlak van IT voor de gezondheidszorg.
Een andere belangrijke pijler van onze groeistrategie zijn de aanzienlijke inspanningen voor onderzoek en ontwikkeling die onze onderneming doet. Vorig jaar investeerden we ongeveer 162 miljoen euro in onderzoek en ontwikkeling.
Agfa Graphics investeert verder in de ontwikkeling van UV-inkten en apparatuur voor de groeiende industriële inkjetwereld en op het nog robuuster maken van zijn chemievrije drukplaatsystemen. Daarmee wordt ingespeeld op de noden van markten die hogere eisen stellen op het vlak van druksnelheid en oplage. Naast verbeteringen aan de producten, richt Agfa Graphics zich ook sterk op het zoeken naar manieren om zijn productieprocessen en logistiek duurzamer te maken en om de impact op het milieu te verkleinen.
Agfa HealthCare richt zijn O&O-inspanningen op de uitbreiding en de versterking van zijn digitale radiografieportfolio (Computed Radiography, Direct Radiography en PACS-oplossingen). De businessgroep bracht vorig jaar met veel succes heel wat nieuwe oplossingen in dit segment op de markt.
Agfa Specialty Products focust zijn O&O-inspanningen op de ontwikkeling van producten voor groeimarkten, uitgaande van Agfa's kennis op het vlak van polymere materialen, inkten en film- en coatingtechnologie.
We danken van harte onze klanten en onze verdelers voor hun vertrouwen in onze onderneming en we verbinden ons ertoe hen allemaal te blijven dienen met de meest geavanceerde, hoogstaande en betrouwbare producten en diensten.
We willen ook onze werknemers danken voor hun grote bijdrage aan het succes van de onderneming en voor hun bijzondere inspanningen in dit moeilijke jaar met vele uitdagingen.
We zijn tevens onze aandeelhouders dankbaar voor hun vertrouwen in en hun steun voor onze groeistrategie. Voor de uitvoering van deze strategie zullen we alle beschikbare financiële middelen nodig hebben. Daarom zal de Raad van Bestuur aan de Algemene Aandeelhoudersvergadering voorstellen om voor 2011 geen dividend uit te keren.
CHRISTIAN REINAUDO PRESIDENT EN CHIEF EXECUTIVE OFFICER
JULIEN DE WILDE VOORZITTER VAN DE RAAD VAN BESTUUR
KERNCIJFERS 7
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 | 2009 | 2008 | 2007 |
|---|---|---|---|---|---|
| OPBRENGSTEN | 3.023 | 2.948 | 2.755 | 3.032 | 3.283 |
| EVOLUTIE T.O.V. VORIG JAAR | 2,5% | 7,0% | (9,1)% | (7,6)% | (3,5)% |
| GRAPHICS | 1.596 | 1.565 | 1.341 | 1.522 | 1.617 |
| AANDEEL IN GROEPSOMZET | 52,8% | 53,1% | 48,7% | 50,2% | 49,3% |
| HEALTHCARE | 1.177 | 1.180 | 1.178 | 1.223 | 1.392 |
| AANDEEL IN GROEPSOMZET | 38,9% | 40,0% | 42,7% | 40,3% | 42,4% |
| SPECIALTY PRODUCTS | 250 | 203 | 236 | 287 | 274 |
| AANDEEL IN GROEPSOMZET | 8,3% | 6,9% | 8,6% | 9,5% | 8,3% |
| BRUTOWINST1-4 | 846 | 998 | 886 | 961 | 1.158 |
| RECURRENTE EBIT1-4 | 129 | 266 | 182 | 135 | 197 |
| REORGANISATIEKOSTEN EN NIET-RECURRENTE RESULTATEN | (93) | (32) | (12) | (158) | (72) |
| WINST (VERLIES) UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 36 | 234 | 170 | (23)4 | 125 |
| NETTOFINANCIERINGSKOSTEN | (84) | (94) | (114) | (83)4 | (63) |
| WINSTBELASTINGEN | (23) | (36) | (49) | (60) | (19) |
| WINST (VERLIES) OVER HET BOEKJAAR | (71) | 104 | 7 | (166) | 43 |
| WINST (VERLIES) TOEWIJSBAAR AAN: | |||||
| AANDEELHOUDERS VAN DE ONDERNEMING | (73) | 105 | 6 | (167) | 42 |
| MINDERHEIDSBELANGEN | 2 | (1) | 1 | 1 | 1 |
| KASSTROOM | |||||
| NETTOKASSTROMEN UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | (27) | 235 | 266 | 775 | 108 |
| INVESTERINGSUITGAVEN2 | (60) | (60) | (41) | (63) | (100) |
| BALANS - 31 DECEMBER | |||||
| EIGEN VERMOGEN | 995 | 1.063 | 724 | 704 | 891 |
| NETTO FINANCIËLE SCHULD | 267 | 161 | 445 | 673 | 721 |
| NETTOWERKKAPITAAL3 | 762 | 863 | 751 | 949 | 871 |
| TOTALE ACTIVA | 2.949 | 3.086 | 2.852 | 3.160 | 3.559 |
| AANDELENINFORMATIE (EURO) | |||||
| WINST PER AANDEEL | (0,44) | 0,80 | 0,05 | (1,34) | 0,34 |
| NETTOBEDRIJFSKASSTROOM PER AANDEEL | (0,16) | 1,80 | 2,13 | 0,626 | 0,87 |
| BRUTODIVIDEND | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| BOEKWAARDE PER AANDEEL OP JAAREINDE | 5,93 | 6,34 | 5,80 | 5,64 | 7,14 |
| AANTAL UITSTAANDE AANDELEN OP JAAREINDE | 167.751.190 | 167.751.190 | 124.788.430 | 124.788.430 | 124.788.430 |
| GEWOGEN GEMIDDELDE AANTAL UITSTAANDE | |||||
| GEWONE AANDELEN | 167.751.190 | 130.571.878 | 124.788.430 | 124.788.430 | 124.788.263 |
| PERSONEELSLEDEN (OP HET EINDE VAN HET JAAR) | |||||
| IN VOLTIJDS EQUIVALENTEN | 11.728 | 11.766 | 11.169 | 12.152 | 13.124 |
(1) VOOR REORGANISATIEKOSTEN, NIET-RECURRENTE RESULTATEN EN WINST/VERLIES UIT DESINVESTERINGEN EN EXCLUSIEF DE EENMALIGE INKOMSTEN VAN 25 MILJOEN EURO VERBONDEN AAN DE VERANDERINGEN IN HET MEDISCHE PLAN VOOR GEPENSIONEERDEN IN HET AMERIKAANSE FILIAAL VAN DE GROEP, GEBOEKT IN HET VIERDE KWARTAAL VAN 2005.
(2) VOOR IMMATERIËLE ACTIVA EN MATERIËLE VASTE ACTIVA.
(3) VLOTTENDE ACTIVA VERMINDERD MET SCHULDEN OP TEN HOOGSTE ÉÉN JAAR.
(4) ZOALS GERAPPORTEERD 2008, HERWERKT. TIJDENS HET EERSTE KWARTAAL VAN 2009 HEEFT DE GROEP DE WEERGAVE VAN DE KOSTEN M.B.T. DE 'VASTE DOEL'- REGELINGEN VAN DE GROEP GEWIJZIGD. DE FINANCIERINGSKOSTEN EN HET VERWACHTE RENDEMENT OP FONDSBELEGGINGEN, EVENALS HET RELATIEVE AANDEEL VAN DE AFSCHRIJVING VAN NIET-OPGENOMEN ACTUARIËLE VERLIEZEN (WINSTEN) DIE NIET KONDEN WORDEN TOEGEWEZEN AAN ACTIEVE WERKNEMERS, WERDEN GEHERKLASSEERD NAAR 'OVERIGE FINANCIERINGSBATEN (-KOSTEN)'. VERGELIJKENDE INFORMATIE OVER 2008 WERD AANGEPAST AAN DEZE NIEUWE VOORSTELLINGSWIJZE. DE LIJNEN 'WINST (VERLIES) UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN' EN 'WIJZIGINGEN IN DE LANGLOPENDE VOORZIENINGEN' IN HET GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT WERDEN BEÏNVLOED DOOR DEZE HERWERKING.
(5) DE GERAPPORTEERDE CIJFERS VAN 2008 WERDEN HERWERKT. IN 2009 WORDT DE 'VOORFINANCIERING DOOR (VAN) AGFAPHOTO M.B.T. DE VROEGERE VERKOOP VAN CI' NIET LANGER WEERGEGEVEN OP EEN AFZONDERLIJKE LIJN GEZIEN HET IMMATERIËLE BELANG. VERGELIJKENDE INFORMATIE OVER 2008 WERD AANGEPAST AAN DEZE NIEUWE VOORSTELLINGSWIJZE. IN 2008 WERD 4 MILJOEN EURO GEHERKLASSEERD NAAR DE LIJN 'WIJZIGINGEN IN DE OVERIGE KORTLOPENDE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN'.
(6) ZOALS GERAPPORTEERD IN 2008, HERWERKT.
DE AGFA-GEVAERT GROEP ONTWIKKELT, PRODUCEERT EN VERDEELT EEN UITGEBREID PORTFOLIO VAN ANALOGE EN DIGITALE BEELDVORMINGSYSTEMEN EN IT-OPLOSSINGEN, VOORNAMELIJK VOOR DE GRAFISCHE INDUSTRIE, DE GEZONDHEIDSZORG EN OOK VOOR SPECIFIEKE INDUSTRIËLE TOEPASSINGEN.
De hoofdzetel en de moedermaatschappij van Agfa bevinden zich in Mortsel, België. De operationele activiteiten van de Groep zijn onderverdeeld in drie onafhankelijke businessgroepen, Agfa Graphics, Agfa HealthCare en Agfa Specialty Products. Elk van deze groepen heeft sterke marktposities, duidelijk omlijnde strategieën en volledige verantwoordelijkheden, bevoegdheden
en aansprakelijkheden. Agfa-Gevaert heeft wereldwijd productiefaciliteiten. De grootste productie- en onderzoekscentra zijn gevestigd in België, de Verenigde Staten, Canada, Duitsland, Frankrijk, Italië en China. Agfa is wereldwijd commercieel actief via eigen verkooporganisaties in meer dan 40 landen. In landen waar Agfa geen eigen verkooporganisatie heeft, wordt de markt door een netwerk van agenten en tussenpersonen bediend.
Agfa Graphics biedt de grafische industrie geïntegreerde oplossingen voor de drukvoorbereiding. Die oplossingen omvatten verbruiksgoederen, hardware, software en diensten voor productieworkflow-, project- en kleurenbeheer. Met zijn computer-to-film- en computer-to-plate-technologie en zijn systemen voor digitale drukproeven heeft Agfa Graphics een wereldwijde leiderspositie veroverd in commercieel en verpakkingsdrukwerk en is het marktleider op de krantenmarkt. Agfa Graphics bouwt zijn positie in de nieuwe marktsegmenten voor industriële inkjet uit met complete oplossingen voor verschillende toepassingen, zoals het drukken van documenten, affiches, spandoeken, bewegwijzering, uithangborden, etiketten en verpakkingsmaterialen. De ervaring die het bedrijf op het gebied van zowel beeld- als emulsietechnologie heeft verworven, levert de nodige deskundigheid bij het ontwikkelen van een volledig assortiment hoogwaardige inkten.
Agfa HealthCare is een toonaangevende leverancier van systemen voor medische beeldvorming en IT-systemen voor ziekenhuizen en zorgcentra over de hele wereld. De businessgroep is een belangrijke speler op de markt van de medische beeldvorming. Met analoge, digitale en IT-systemen voldoet Agfa HealthCare wereldwijd aan de eisen van gespecialiseerde clinici. Voorts heeft de businessgroep een sleutelrol op de markt van de ziekenhuisbrede IT-systemen. Deze systemen integreren de administratieve, financiële en klinische workflows voor individuele ziekenhuizen en ziekenhuisgroepen. Vandaag biedt Agfa HealthCare meer dan 100 markten toegang tot zijn toonaangevende technologieën en oplossingen, waaronder Clinical Information Systems (CIS) en Hospital Information Systems (HIS), radiologieinformatiesystemen (RIS), Picture Archiving and Communication Systems (PACS), Data Centers, geavanceerde systemen voor het rapporteren van onderzoeksresultaten, cardiologiesystemen, systemen die het medische beslissingsproces ondersteunen, systemen voor geavanceerde klinische applicaties en gegevensopslag, systemen voor Direct Radiography (DR) en Computed Radiography (CR), klassieke röntgenfilmsystemen en contrastmedia.
20
21
22
18 19
17
15 14
16
1867 Oprichting van de Aktiengesellschaft für Anilinfabrikation (Agfa), Berlijn, gespecialiseerd in kleurstoffen. 1894 Oprichting van L. Gevaert en Cie., Antwerpen, gespecialiseerd in fotopapier. 1964 Fusie van Agfa en Gevaert. 1981 Agfa-Gevaert voor 100% eigendom van Bayer. 1996 Overname drukplatendivisie van Hoechst (Duitsland). 1998 Overname grafische film- en offsetplaten van DuPont (VSA). 1999 Beursintroductie - Vanaf 1 juni 1999 worden de Agfa-aandelen op de beurs verhandeld. 2004 Overnames van Dotrix (België), ontwikkelaar van digitale kleurendruksystemen voor industriële toepassingen, en van Symphonie On Line (Frankrijk), ontwikkelaar van ziekenhuisinformatiesystemen. Verkoop van de divisie Consumer Imaging. 2005 Overnames GWI (Duitsland), ontwikkelaar van ziekenhuisinformatiesystemen, en Heartlab (VS), ontwerper van digitale beeld- en informatienetwerken voor cardiologie. 2009 Overnames van Insight Agents (Duitsland), een Europese ontwerper en producent van contrastmedia en van Gandi Innovations (Canada), een wereldleider op het vlak van grootformaat-inkjetdruksystemen. 2010 Agfa Graphics en Shenzhen Brothers creëren de joint venture Agfa Graphics Asia om hun posities in de regio's Groter China en ASEAN te versterken. Overname van Pitman, een leidinggevende leverancier in de Verenigde Staten van producten en systemen voor de drukvoorbereiding, industriële inkjet, pressroom en verpakkingsdrukwerk.
Agfa Specialty Products
11
8 7 2 5 1 3 4 9 10
6
12 13
Agfa Specialty Products biedt een brede waaier van voornamelijk op film gebaseerde producten en hoogtechnologische oplossingen voor industriële klanten die niet tot de grafische en gezondheidszorgmarkten behoren. De voornaamste zijn film voor niet-destructief materiaalonderzoek, cinefilm, film voor luchtfotografie, microfilm en film voor de productie van gedrukte schakelingen (PCB's). De businessgroep is eveneens actief in de groeimarkten met producten die gebaseerd zijn op zijn kerncompetenties: materialen voor beveiligde identiteitsdocumenten, geleidende polymeren, synthetisch papier en membranen voor gebruik bij gasscheiding.
9
2011 Overname van WPD, een leidinggevende HIS-onderneming in Brazilië.
Jaarverslag van de Raad van Bestuur aan de Aandeelhouders van Agfa-Gevaert NV
De Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert NV heeft de eer u het gecombineerde jaarverslag over het boekjaar dat eindigde op 31 december 2011, in overeenstemming met de artikels 96 en 119 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen, voor te stellen. Dit jaarverslag bevat een corporate governance verklaring en een remuneratieverslag.
De opbrengsten van de Agfa-Gevaert Groep groeiden in 2011 met 2,5% tegenover het voorgaande jaar tot 3.023 miljoen euro (2.948 miljoen euro in 2010). Zonder wisselkoerseffecten bedroeg de stijging 3,7%.
De eerste jaarhelft werd gekenmerkt door een sterke toename van de opbrengsten, zowel door interne groei van de vernieuwende digitale oplossingen als door de bijdrage van de recente strategische stappen. In het derde kwartaal wogen de versnelde achteruitgang van de verkoop van traditionele filmproducten, ongunstige wisselkoerseffecten en de onzekere conjunctuur op de verkoopcijfers van de Groep. In het vierde kwartaal presteerden zowel de businessgroep Agfa Graphics als de businessgroep Agfa HealthCare goed vergeleken met het derde kwartaal. Agfa HealthCare haalde duidelijk voordeel uit zijn stevige orderboek voor IT.
Agfa Graphics' jaaropbrengsten stegen met 2,0% tot 1.596 miljoen euro. Zonder wisselkoerseffecten zou de groei 3,1% bedragen. Deze groei van de opbrengsten werd aangedreven door de met dubbele cijfers groeiende industriële inkjetbusiness en door de strategische stappen. In het drukvoorbereidingssegment bleven de volumes in de digitale computer-to-plate-business (CtP) toenemen. De achteruitgang in de analoge computer-to-film-activiteiten (CtF) versnelde door de prijsverhogingen voor film die doorgevoerd werden als reactie op de hoge grondstofprijzen.
Zonder wisselkoerseffecten stegen de jaaropbrengsten van Agfa HealthCare met 0,9% tot 1.177 miljoen euro. Zoals verwacht werd 2011 het eerste jaar waarin de digitale en IToplossingen de achteruitgang in de traditionele filmbusiness konden compenseren.
In het Imaging-segment versnelde de marktgebonden achteruitgang van de traditionele röntgenfilmproducten, terwijl de digitale radiologieactiviteiten bleven groeien. Direct Radiography (DR) verdrievoudigde nagenoeg in waarde. Aangedreven door de sterke prestatie in het vierde kwartaal en ondanks de ongunstige economische omstandigheden, bleven de opbrengsten van het Imaging IT-segment stabiel. Het Enterprise IT-segment noteerde bevredigende groeicijfers.
| Kerncijfers winst- en verliesrekening | Recurrente EBITDA1 | Recurrente EBIT1 | ||
|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO | 2010 | 2011 | MILJOEN EURO | MILJOEN EURO |
| Opbrengsten | 2.948 | 3.023 | ||
| Recurrente brutowinst1 | 998 | 846 | ||
| Recurrente EBITDA1 | 361 | 218 | 361 | |
| Recurrente EBIT1 | 266 | 129 | ||
| Reorganisatie en niet-recurrente resultaten | (32) | (93) | ||
| Winst (verlies) uit bedrijfsactiviteiten | 234 | 36 | 218 | 266 |
| Nettofinancieringskosten | (94) | (84) | ||
| Winst toewijsbaar aan aandeelhouders van de Onderneming |
105 | (73) | 129 | |
| 2011 2010 |
2011 2010 |
(1) VOOR REORGANISATIEKOSTEN EN NIET-RECURRENTE RESULTATEN.
Vooral dankzij de erg sterke eerste jaarhelft groeiden de jaaropbrengsten van Agfa Specialty Products aanzienlijk met 23,2% van 203 miljoen euro in 2010 tot 250 miljoen euro in 2011. De groei is toe te schrijven aan de segmenten Functional Foils en Non-Destructive Testing.
Met 52,8% van de opbrengsten blijft Agfa Graphics de grootste businessgroep. Agfa HealthCare vertegenwoordigt 38,9% van de Groepsomzet en Agfa Specialty Products 8,3%.
In 2011 werden 43,5% van de Groepsopbrengsten in Europa geboekt (2010: 44,9%), 23,5% in NAFTA (2010: 22,0%), 24,7% in Azië/Oceanië/Afrika (2010: 24,4%) en 8,3% in Latijns-Amerika (2010: 8,6%).
De recurrente bruto-winst daalde van 998 miljoen euro in 2010 tot 846 miljoen euro in 2011. Doorheen het jaar werd de rendabiliteit beïnvloed door de erg hoge grondstofprijzen, nadelige wijzigingen in de product-mix, volumeeffecten en de daaraan verbonden productie-inefficiënties. De Groep slaagde er in deze elementen gedeeltelijk te compenseren door filmprijsstijgingen en door voortdurende inspanningen ter verbetering van de efficiëntie. Zoals verwacht verbeterde de brutowinstmarge van de Groep in het vierde kwartaal. Voor het volledige jaar kwam ze uit op 28,0%.
De marges van de businessgroep werden negatief beïnvloed door de hoge grondstofprijzen en de concurrentiedruk in CtP. Voorts beïnvloedde de achteruitgang van de filmvolumes de productie-efficiëntie. Deze nadelige elementen werden deels gecompenseerd door Agfa Graphics' prijsverhogingen voor film en andere maatregelen ter verbetering van de efficiëntie. De brutowinstmarge daalde van 30,9% in 2010 tot 25,2%.
De rendabiliteit van Agfa HealthCare werd beïnvloed door de hoge zilverprijs, door veranderingen in de productmix en door de verminderde productie-efficiëntie als gevolg van het afgenomen gebruik van de filmproductiecapaciteit van de Groep. De businessgroep kon deze ongunstige elementen gedeeltelijk tenietdoen door prijsverhogingen voor de filmproducten en door andere maatregelen ter verbetering van de efficiëntie. Bijgevolg daalde de brutowinstmarge van 39,7% in 2010 tot 34,8%.
Agfa Specialty Products' rendabiliteit werd beïnvloed door de hoge grondstofprijzen en door de lagere productieefficiëntie ten gevolge van het afgenomen gebruik van de filmproductiecapaciteit.
Als percentage van de opbrengsten daalden de verkoop- en algemene beheerskosten licht tot 19,0%, tegenover 19,9% in het voorgaande jaar.
De uitgaven voor onderzoek en ontwikkeling bedroegen 162 miljoen euro, tegenover 153 miljoen euro in 2010.
De recurrente EBITDA van de Groep (de som van Graphics, HealthCare, Specialty Products en het niet-toegewezen deel) daalde van 361 miljoen euro tot 218 miljoen euro. De recurrente EBIT daalde van 266 miljoen euro (9,0% van de omzet) tot 129 miljoen euro (4,3% van de opbrengsten).
Door het boeken van bijkomende kosten in het vierde kwartaal kwamen de reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten uit op een kost van 93 miljoen euro, tegenover een kost van 32 miljoen euro in 2010.
De nettofinancieringskosten bedroegen 84 miljoen euro, tegenover 94 miljoen euro in 2010.
De belastingen bedroegen 23 miljoen euro, tegenover 36 miljoen euro in het voorgaande jaar.
De winst uit bedrijfsactiviteiten daalde tot 36 miljoen euro tegenover 234 miljoen euro in 2010. Het verlies voor belastingen bedroeg dus 48 miljoen euro in 2011, tegenover een winst voor belastingen van 140 miljoen euro in 2010.
(1) MINUS UITGESTELDE OPBRENGSTEN EN VOORUITBETALINGEN.
De Groep boekte een nettoresultaat toewijsbaar aan de aandeelhouders van min 73 miljoen euro, tegenover 105 miljoen euro in 2010. Dit resultaat wordt grotendeels verklaard door de in het vierde kwartaal genomen beslissing om extra reorganisatiemaatregelen door te voeren. Het grootste deel van deze maatregelen moet enerzijds de structurele veranderingen in de filmindustrie aanpakken en anderzijds enkele andere activiteiten heroriënteren.
Eind 2011 bedroegen de totale activa 2.949 miljoen euro, tegenover 3.086 miljoen euro eind 2010.
De voorraden bedroegen 639 miljoen euro (of 106 dagen). De handelsvorderingen (min de uitgestelde omzet en vooruitbetalingen door klanten) bedroegen 527 miljoen euro (59 dagen) en de handelsschulden 275 miljoen euro (45 dagen).
De netto financiële schuld bedroeg 267 miljoen euro, tegenover 161 miljoen euro eind 2010. Eind 2011 bedroeg de gearing ratio van de Groep 26,8%
Het eigen vermogen bedroeg 995 miljoen euro, tegenover 1.063 miljoen euro eind 2010.
In 2011 bereikte de netto kasstromen uit bedrijfsactiviteiten, die ook rekening houdt met de veranderingen in het werkkapitaal, min 27 miljoen euro.
De investeringsuitgaven kwamen uit op 60 miljoen euro.
Eind 2011 telde de Agfa-Gevaert Groep 11.728 werknemers (uitgedrukt in actieve voltijdse banen), tegenover 11.766 eind 2010.
Gezien de onvoorspelbaarheid van de conjunctuur is het moeilijk om guidance te geven. Indien aangenomen wordt dat de grondstofprijzen niet substantieel zullen verschillen van de huidige niveaus, beoogt de Groep een herstel van de operationele efficiëntie dat op middellange tot lange termijn op Groepsniveau moet leiden tot een recurrent EBITDApercentage met dubbele cijfers.
De jaarrekening zoals ze zal worden voorgelegd aan de Algemene Vergadering van 24 april 2012, werd door de Raad van Bestuur aan de waarderingsregels getoetst en in die vorm goedgekeurd.
Aan de Algemene Vergadering zullen de hierna volgende punten in het bijzonder ter goedkeuring worden voorgelegd:
De jaarrekening sluit met een te bestemmen verlies voor het boekjaar 2011 van 89.536.536,10 euro.
Er wordt voorgesteld om dit verlies als volgt toe te wijzen: een vermindering van het overgedragen resultaat met 89.536.536,10 euro. Hierdoor bedraagt het overgedragen resultaat 594.596.028,42 euro.
In 2011 realiseerde de vennootschap een omzet van 735,5 miljoen euro. Dit is tegenover 2010 een stijging met 6,7%. De omzetstijging wordt voornamelijk veroorzaakt door een stijging van de prijzen.
De zilverprijs bedroeg in 2011 gemiddeld 809 euro per kg, een stijging met 65% tegenover 2010. De gemiddelde maandprijs van het zilver kende gedurende 2011 een volatiel verloop met tussentijdse dalwaarden van 684 euro per kg in januari 2011 en tussentijdse piekwaarden van 903 euro per kg in augustus 2011.
De Vennootschap besteedde in België in 2011 13,0 miljoen euro aan onderzoek en ontwikkeling.
In 2011 is het personeelsaantal van Agfa-Gevaert NV in België met 53 eenheden gedaald tot 2.458 personeelsleden per 31 december 2011. Deze daling is de resultante van de aanwerving van 36 medewerkers, terwijl 89 medewerkers het bedrijf verlieten.
Agfa-Gevaert NV & Co. KG boekte in 2011 een verlies van 3.428.876,07 euro. De vaste inrichting van de Vennootschap in het Verenigd Koninkrijk boekte in 2011 een verlies van 15.419,46 euro.
Agfa-Gevaert NV heeft, zoals in het verleden, de nodige maatregelen getroffen om aan de vereisten inzake de milieuwetgeving te voldoen.
Zoals elke onderneming wordt Agfa geconfronteerd met markt- en concurrentierisico's. De traditionele beeldvormingsactiviteiten in zowel Graphics als HealthCare hebben af te rekenen met snelle technologische veranderingen. Ze werden in het verleden ook gekenmerkt door prijserosie.
De economische crisis heeft, net zoals voor onze concurrenten, ook gevolgen voor de vraag naar onze producten. Dit is in de eerste plaats het geval voor investeringsgoederen. Maar voor Agfa Graphics en Agfa Specialty Products heeft de crisis ook een negatieve invloed op de vraag naar verbruiksgoederen.
Voorts introduceert Agfa ook een groot aantal nieuwe technologieën, zoals industriële inkjetsystemen in Graphics en systemen voor Computed Radiography en Digital Radiography en informatiesystemen in HealthCare. De markt voor digitale beeldvorming en informatietechnologie waarin Agfa meer en meer actief is, is uiterst competitief en onderhevig aan snelle veranderingen.
Agfa doet een beroep op andere ondernemingen voor de levering van bepaalde basisgrondstoffen. De belangrijkste grondstoffen zijn aluminium en zilver. Wijzigingen in de grondstofprijzen en het niet tijdig ontvangen van de nodige grondstoffen zouden Agfa's bedrijfsvoering, bedrijfsresultaten en financiële toestand negatief kunnen beïnvloeden. Voorts kan Agfa ervoor opteren om een deel of het geheel van zijn afhankelijkheid van de grondstofprijzen in te dekken, wanneer het dit opportuun acht.
De activiteiten van de Groep kunnen Agfa blootstellen aan vorderingen voor productaansprakelijkheid. Vooral op het vlak van de HealthCare-activiteiten, volgt Agfa verscheidene regulatorische systemen in verschillende landen. Om het risico van vorderingen in verband met productaansprakelijkheid te beperken, heeft Agfa een strikt beleid op het vlak van kwaliteit en kwaliteitscontrole ingevoerd en heeft het een algemene verzekeringspolis afgesloten. Agfa heeft nooit aanzienlijke verliezen geleden met betrekking tot vorderingen op het vlak van productaansprakelijkheid, maar er kan geen zekerheid bestaan dat dit in de toekomst nooit zal voorvallen.
Agfa is onderworpen aan verscheidene milieuvereisten in de verschillende landen waarin het actief is, inclusief de vereisten in verband met luchtverontreiniging, lozing van afvalwater, beheer van gevaarlijke stoffen, het voorkomen van het lekken van stoffen en sanering. Agfa doet aanzienlijke bedrijfs- en kapitaaluitgaven om de toepasselijke normen te respecteren. Huidige en redelijkerwijze te voorziene kosten voor het naleven van wettelijke voorschriften en voor sanering zijn gedekt.
Agfa bezit, heeft aanvragen in behandeling voor en heeft licenties voor tal van patenten die betrekking hebben op een veelheid van producten en softwaresystemen. De onderneming vertrouwt op een combinatie van octrooi-, auteurs- en merkenrecht en de wetten op handelsmerken en geheimen, vertrouwelijkheidsprocedures, handelsgeheimen, contractuele bepalingen en licentieregelingen om de eigendomsrechten vast te leggen en te beschermen. Anderzijds voert de Groep een beleid dat erop gericht is de intellectuele eigendomsrechten van derden strikt te respecteren. Hoewel Agfa er zich niet van bewust is dat er producten de intellectuele eigendomsrechten van anderen schenden, is het niet uitgesloten dat derden in de toekomst zulke inbreuken niet kunnen claimen.
Agfa is momenteel niet betrokken in enig belangrijk geschil, met uitzondering van de geschillen in verband met de insolventie van AgfaPhoto. Deze geschillen worden in detail behandeld in toelichting 17 p.122 en 123, toelichting 22 p.137, toelichting 23 p.139 en toelichting 26 p.141 bij de geconsolideerde jaarrekening.
Verder zijn er risico's die een negatieve invloed op de onderneming en haar activiteiten kunnen hebben en waarmee dus rekening moet worden gehouden. Voorbeelden hiervan zijn onder meer risico's in verband met de continuïteit van de productie, bijzondere waardeverminderingen op vaste activa, pensioenverplichtingen, wisselkoersschommelingen en overnames. Meer informatie hierover vindt u in het prospectus dat naar aanleiding van de uitgifte van nieuwe aandelen eind 2010 werd gepubliceerd. Dit prospectus kan worden geraadpleegd op de Investor Relations-sectie van de website van de Groep onder de rubriek Capital Increase.
Dergelijke gebeurtenissen hebben zich niet voorgedaan.
In 2011 bedroegen de O&O-inspanningen van de Agfa-Gevaert Groep 162 miljoen euro. 30% hiervan werd besteed door Agfa Graphics, 64% door Agfa HealthCare en 6% door Agfa Specialty Products.
In 2011 ging Agfa Graphics door met het verstevigen van zijn toonaangevende positie op het vlak van chemievrije drukplaatsystemen. De O&O-inspanningen zijn er nu vooral op gericht de chemievrije plaatsystemen nog robuuster te maken. Daarmee wordt ingespeeld op de noden van markten die hogere eisen stellen op het vlak van druksnelheid en oplage. Naast verbeteringen aan de producten, richt Agfa Graphics zich ook sterk op het zoeken naar manieren om zijn productieprocessen en logistiek duurzamer te maken en om de impact op het milieu te verkleinen.
Agfa Graphics maakt zijn softwarepakket voor commerciële drukkers :Apogee Suite met steeds meer digitale drukmachines en managementinformatiesystemen compatibel. Er gaat ook veel aandacht naar het automatiseren van de levering van bestanden aan drukkers via het internet. Hiertoe creëert Agfa software waarmee drukkers webto-print-oplossingen kunnen opzetten. Agfa Graphics' :Arkitex-softwareaanbod voor krantendrukkerijen werd uitgebreid met een interface tussen de krantenproductie en e-publishing/e-reading. De nieuwe trends in de industriële op servers gebaseerde toepassingen gaan in de richting van hardware-onafhankelijke platformen en van cloud computing- en SaaS-oplossingen (Software as a Service).
Agfa Graphics investeerde verder in de ontwikkeling van UV-inkten en apparatuur voor de groeiende industriële inkjetmarkt. Hierbij werden innovatieprojecten in België en Canada (het voormalige Gandi Innovations) op elkaar afgestemd. Zo werd de :Jeti 3020 Titan geïntroduceerd. Het is de eerste :Jeti-printer die uiterst flexibel en makkelijk te upgraden is. De :Anapurna 2540FB is gebaseerd op dezelfde technologie als degene die gebruikt is voor de succesvolle :Anapurna 2050. Het nieuwe systeem introduceert echte vlakbedtechnologie in het instapgamma van Agfa Graphics' industriële inkjet. In het hoogste marktsegment van de industriële inkjettoepassingen introduceerde Agfa Graphics een semi-automatische :M-Press Leopard-machine. Met zijn verbeterde beeldkwaliteit en dataverwerkingstools richt deze machine zich op klanten die hoge kwaliteit vooropstellen.
In 2011 richtte Agfa HealthCare zijn O&O-inspanningen op de uitbreiding en de versterking van zijn digitale radiografieportfolio. Veel aandacht ging uit naar de nieuwe generatie betaalbare Computed Radiography-systemen, de verdere uitbreiding van het Direct Radiography-gamma, de introductie van de nieuwste IMPAX-oplossing, de uitbreiding van technologie op het vlak van Data Centers en zero footprint viewers (technologie die veilige toegang biedt tot beelden en rapporten vanop locaties in het hele ziekenhuis of zelfs in een hele regio) en de voortdurende upgrading van de toonaangevende HIS/CIS-oplossing ORBIS.
De businessgroep introduceerde veel van deze oplossingen met succes in 2011. Voorbeelden zijn de nieuwe lichting CR 30-X-systemen, de geautomatiseerde DX-D 600 DR-kamer, het mobiele DR-systeem DX-D 100 en de draadloze op cesium gebaseerde detector DX-D 30, het IMPAX 6.5-systeem en de IDC/XERO 2.0-systemen.
Agfa Specialty Products richtte zijn O&O-inspanningen op de ontwikkeling van producten voor groeimarkten, uitgaande van Agfa's kennis op het vlak van polymere materialen, inkten en film- coatingtechnologie. In 2008 werd Synaps geïntroduceerd, een op polyester gebaseerd synthetisch papier. De O&O werd geconcentreerd op de uitbreiding van het gamma met synthetisch papier voor gebruik in elektrofotografische printsystemen en kopieersystemen. Voor de markt van de duurzame smartcards werden de PETix-producten ontwikkeld en geïntroduceerd. Deze polyesterfilms zijn compatibel met alle belangrijkste technieken op het vlak van personalisatie en beveiliging. Voorts werd gewerkt aan de verdere verbetering van de geleidende pasta's, inkten en coatinglagen op basis van Orgacon-technologie voor de elektronica-industrie. In het segment van de industriële inkten ging de aandacht naar de ontwikkeling van UV-inkten voor verpakkingstoepassingen en van op water gebaseerde inkten voor decoratietoepassingen. In 2011 nam Agfa Specialty Products eveneens deel aan een aantal langetermijnonderzoeksprojecten met een pre-competitief karakter.
Agfa-Gevaert NV heeft een bijhuis in het Verenigd Koninkrijk (Agfa Materials UK).
Om het risico van de wisselkoersen en de interestwijzigingen te minimaliseren worden passende dekkingscontracten ingezet. Daartoe behoren voornamelijk termijnverrichtingen in vreemde munten, optiecontracten en interestswaps. Het inzetten ervan gebeurt volgens uniforme richtlijnen, is onderworpen aan interne controles en blijft beperkt tot het indekken van de operationele activiteiten en de daarmee verbonden geldbeleggingen en financiële transacties.
Meer informatie hierover is te vinden in de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening.
Drie leden van het auditcomité zijn onafhankelijk in de zin van artikel 526ter van het Wetboek van Vennootschappen. Deze drie leden hebben door hun opleiding en professionele ervaring de nodige deskundigheid op het gebied van boekhouding en audit verworven. In verband hiermee wordt verwezen naar de korte CV's in de Corporate Governance verklaring die in dit jaarverslag zijn opgenomen.
HET HOOFDKANTOOR VAN AGFA GRAPHICS IS GEVESTIGD IN MORTSEL (BELGIË). DE BUSINESSGROEP HEEFT VERKOOPORGANISATIES IN MEER DAN 40 LANDEN EN VERTEGENWOORDIGINGEN IN MEER DAN 100 ANDERE LANDEN. DE PRODUCTIEVESTIGINGEN BEVINDEN ZICH IN BELGIË, DUITSLAND, FRANKRIJK, HET VERENIGD KONINKRIJK, DE VERENIGDE STATEN, BRAZILIË, CHINA, ZUID-KOREA EN CANADA.
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 | % evolutie |
|---|---|---|---|
| OPBRENGSTEN | 1.596 | 1.565 | 2,0% |
| RECURRENTE EBITDA1 | 87,6 | 177,1 | (50,5)% |
| % VAN DE OPBRENGSTEN | 5,5% | 11,3% | |
| RECURRENTE EBIT1 | 48,0 | 134,5 | (64,3)% |
| WINST (VERLIES) UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | -(7,2) | 120,2 | (106,0)% |
(1) VOOR REORGANISATIEKOSTEN EN NIET-RECURRENTE RESULTATEN.
Agfa Graphics' jaaropbrengsten stegen met 2,0% tot 1.596 miljoen euro. Zonder wisselkoerseffecten zou de groei 3,1% bedragen.
Deze opbrengstengroei werd aangedreven door de met dubbele cijfers in wide-format segment groeiende industriële inkjetbusiness en door de strategische stappen.
In het drukvoorbereidingssegment bleven de volumes in de digitale computer-to-plate-business (CtP) toenemen. De achteruitgang in de analoge computer-to-film-activiteiten (CtF) versnelde door de prijsverhogingen voor film die doorgevoerd werden als reactie op de hoge grondstofprijzen
Agfa Graphics is een toonaangevende leverancier van geïntegreerde drukvoorbereidingsystemen en geavanceerde industriële inkjetsystemen. Overal ter wereld vertrouwen professionele drukkers en uitgevers op de ervaring en uitmuntende technologie van de businessgroep.
De term drukvoorbereiding duidt op de ketting van processen voorafgaand aan het eigenlijke drukproces. De drukvoorbereidingsactiviteiten beginnen nadat de beslissingen over de layout van het drukwerk genomen zijn en eindigen waar het eigenlijke drukken start. Tijdens deze voorbereidende fases worden teksten en beelden bijeengebracht in een layout, wordt de kwaliteit van kleuren gecontroleerd, worden bladzijden op de juiste plaats gezet en worden digitale drukproeven gemaakt. Na goedkeuring worden deze pagina's klaargemaakt voor het drukproces. Bij offsetdruk worden ze belicht op een drukplaat. Dit gebeurt rechtstreeks met computer-to-plate-technologie (CtP), of via het tussenmedium film, met computer-to-film-technologie (CtF). Hierna wordt de belichte drukplaat op de drukpers gemonteerd. In een industrie waarin efficiëntie centraal staat, ruimen de analoge CtF-systemen baan voor digitale CtP-technologie. Door de tussenstappen in het proces te elimineren, geeft CtP de drukker de mogelijkheid om meer drukopdrachten uit te voeren en om de controle op het productieproces te verhogen zonder daarvoor meer mensen in dienst te moeten nemen.
Drukkers vertrouwen op Agfa Graphics' apparatuur, verbruiksgoederen (zoals grafische film en drukplaten), software en diensten voor bijna elke stap in het voorbereidende proces. De softwarepakketten van de businessgroep bevatten workflowsoftware, technologie voor het maken van digitale proefdrukken en voor het rasteren van bestanden, alsook tools die zorgen voor consistentie in kleur en kwaliteit. Deze softwaresystemen bieden drukkers een snellere verwerking, betere kwaliteit en verbeterde kostenefficiëntie.
Met zijn geïntegreerde drukvoorbereidingsystemen bedient Agfa Graphics vooral klanten in het segment 'informatiedrukwerk' van de grafische industrie. Dit is de wereld van de krantendrukkers en de commerciële drukkers, die ondermeer magazines, brochures en boeken produceren. In dit segment is offsetdruk de meest gebruikte technologie.
Voorts levert Agfa Graphics ook drukvoorbereidingstechnologie aan klanten in het segment van de 'industriële druk'. In vergelijking met het segment van de informatiedruk is het industriële druksegment meer gespecialiseerd. Het gebruikt ook meer verschillende technologieën om een grote verscheidenheid aan drukwerk te creëren, waaronder verpakking, labels, signalisatieborden, displays, … In dit segment levert Agfa Graphics vooral drukvoorbereidingstechnologie aan specialisten in offsetverpakkingsdruk en in flexodruk.
In drukvoorbereiding levert Agfa Graphics wereldwijd bijna eenderde van de drukplaten. Het is de duidelijke marktleider op het vlak van milieuvriendelijke chemievrije drukplaten. Voorts is Agfa Graphics een van de weinige nog overgebleven leveranciers van CtF-film.
De meeste mensen associëren 'inkjet' onmiddellijk met de printers die ze dagelijks thuis en op kantoor gebruiken. Dat is echter niet de doelmarkt van Agfa Graphics. Met zijn industriële inkjettechnologie richt Agfa Graphics zich op het industriële druksegment van de grafische markt. Aangedreven door de meest geavanceerde inkjettechnologie, zijn Agfa Graphics' kostenefficiënte digitale druksystemen beste alternatieven voor traditionele druksystemen.
Ze zijn uiterst geschikt voor het drukken met hoge kwaliteit op zeer veel verschillende media en voor een grote verscheidenheid aan toepassingen, zoals verpakking, posters en displays, promotiemateriaal, labels en decoratiematerialen. Agfa Graphics levert een uitgebreid gamma drukpersen, hoogstaande UV-inkten en media. Momenteel concurreren industriële inkjetsystemen vooral met zeefdruk- en flexodrukpersen.
Industriële inkjet heeft een aanzienlijk groeipotentieel. Digitaal drukken zit in de lift als vervanger van de conventionele industriële zeefdruktechnologie. Voor het drukken van borden, displays en bepaalde decoratieve toepassingen kan breedformaat inkjet zelfs oplossingen bieden die geen conventioneel alternatief hebben.
DE :AVALON N8-80 XT PLAATBELICHTER IS UITGERUST MET EEN KRACHTIGE CLEAN-OUT UNIT. HIERMEE WORDT DE OP THERMOFUSE GEBASEERDE CHEMIEVRIJE DRUKPLAAT :AZURA TS VERWERKT. HET SYSTEEM KAN GEMAKKELIJK MEER DAN 40.000 M² DRUKPLATEN PER JAAR BEHANDELEN. DAT MAAKT VAN DIT SYSTEEM DE IDEALE MILIEUVRIENDELIJKE OPLOSSING VOOR COMMERCIËLE DRUKKERS DIE GROTE VOLUMES VERZETTEN.
Agfa Graphics gelooft sterk dat de behoefte aan drukwerk zal blijven bestaan. Ondanks de groeiende concurrentie van elektronische media, zal drukwerk meerwaarde blijven bieden en een krachtig en essentieel communicatiemiddel blijven. Daarom blijft Agfa Graphics de positie van drukwerk in de algemene communicatiemix promoten. Agfa Graphics speelt in op de trends in de snel veranderende grafische markt met goed omlijnde strategieën.
Kostenefficiëntie is een van de belangrijkste aandachtspunten van Agfa Graphics. Er gaat veel aandacht naar structurele hervormingen op operationeel vlak, in de supply chain en in de distributie. De businessgroep past de operationele structuur voortdurend aan aan de evolutie in de markten. De kostenefficiëntiefocus wordt eveneens gesteund door het algemene streven naar duurzame productie.
Een van de belangrijkste trends in de drukvoorbereiding is de versnellende technologische omschakeling van CtF naar CtP in de opkomende landen. Deze groeimarkten kunnen voortbouwen op de ervaringen in Noord-Amerika en West-Europa, waar bijna alle drukkerijen de omschakeling reeds gemaakt hebben. Daarom zal de conversie naar CtP in de opkomende markten veel sneller gaan dan dat dat in de Westerse wereld is gebeurd. Door deze evolutie krimpt de wereldwijde markt voor CtF-verbruiksgoederen aan hoog tempo. In 2011 versnelde deze achteruitgang nog door de hoge zilverprijzen. Agfa Graphics werkt continu aan de verbetering van zijn efficiëntie om een belangrijke rol te kunnen spelen in de consolidatie van de CtF-markt.
Nauw verbonden aan kostenefficiëntie is technologisch leiderschap. Drukkers zijn constant op zoek naar betaalbare en efficiënte drukvoorbereidingsystemen die hen helpen om hun concurrentiepositie te verbeteren. Daarom dingt Agfa Graphics naar de positie uitverkoren technologiepartner. De businessgroep investeert ononderbroken in de ontwikkeling van efficiënte en performante CtP-systemen die klanten in staat stellen hun concurrentiekracht te verhogen en om rendabele groei te bewerkstelligen. Essentieel in het businessmodel van Agfa Graphics zijn zijn befaamde support en service. In 2011 rapporteerde Apenberg+Partner – een consultancybedrijf gespecialiseerd in de drukindustrie – dat Agfa Graphics op het vlak van systeemservices het beste scoort van alle CtP-systeemaanbieders.
Zoals ook het geval is voor andere industrieën, wordt van de grafische sector steeds meer geëist dat er op een ecologisch verantwoorde manier gewerkt wordt. Agfa Graphics speelt een voortrekkersrol in de ontwikkeling van beeldvormingstechnologieën die de ecologische voetafdruk van de drukindustrie verkleinen. De systemen van de businessgroep geven drukkers de mogelijkheid om tijdens de drukvoorbereiding en het drukken het gebruik van giftige chemicaliën te vermijden, het afvalvolume te reduceren, het inkt- en waterverbruik te verminderen en energie te besparen. Zo is Agfa Graphics wereldwijd marktleider voor chemievrije drukplaten. Bovendien ontwikkelt Agfa Graphics programma's die de milieu-impact van de eigen activiteiten moeten verminderen.
Een andere pijler van Agfa Graphics' strategie is de bescherming van zijn marktposities. De businessgroep verdedigt zijn sterke positie in Europa en Noord-Amerika. In beide regio's beginnen de elektronische media te knagen aan het gebruik van gedrukte informatie. Om zijn positie in de Amerikaanse markt te verbeteren, om zijn aanbod in drukvoorbereiding, CtP en inkjet uit te breiden en om zijn distributie te verstevigen, kocht Agfa Graphics in 2010 de activa van de Harold M. Pitman Company.
Bovendien zoekt de businessgroep verdere groei in de opkomende landen in het algemeen en in de BRIC-landen (Brazilië, Rusland, India, China) in het bijzonder. In deze markten groeit offsetdruk sterk, doordat de drukindustrie de evolutie van de alfabetiseringsgraad en van het bruto nationaal product volgt. Voorts besteden bedrijven nietdringende drukopdrachten uit aan landen waar de kosten lager liggen. Met doelgerichte acties en strategische partnerships speelt Agfa Graphics in op deze belangrijke groeikansen. In 2010 richtte Agfa Graphics bijvoorbeeld een joint venture op met zijn Chinese zakenpartner Shenzhen Brothers. De bedoeling van deze Agfa Graphics Asia joint venture is de versterking van de marktpositie van beide partners in de regio's Groter China en ASEAN.
Producenten in de sector van de industriële druk zijn vaak bereid om hun traditionele technologieën (waaronder zeefdrukmachines, flexodrukpersen en offsetdrukpersen) te vervangen door geavanceerde digitale systemen die hun helpen om hun efficiëntie te verhogen en hun dienstverlening aan hun klanten uit te breiden. Van alle nieuwe digitale technologieën, is industriële inkjet duidelijk het best geplaatst om de technologie bij uitstek te worden voor het grootste deel van de industrie.
Agfa Graphics blijft investeren in zijn brede gamma van systemen om een technologieleider te worden in de inkjetmarkt. De businessgroep kan voldoen aan de wensen van alle klanten die hun business door digitalisering een boost willen geven: van kleine bedrijven die instapmodellen voor het drukken van posters zoeken tot en met drukkerijen die willen investeren in geavanceerde en uiterst performante machines. Naast zijn inkjetmachines beschikt Agfa Graphics over een uitgebreid gamma aan UV-inkten. Via de reeds genoemde overname van Pitman, kon Agfa Graphics bijkomende inkten en inkjetmedia aan zijn portfolio toevoegen.
Om zijn marktpositie verder te verbeteren, steunt Agfa Graphics op zijn sterke merknaam, zijn toegang tot de wereldwijde markt en de ontwikkeling van performante apparatuur en inkten van de volgende generatie.
Agfa Graphics heeft een erg breed gamma producten en oplossingen voor commerciële drukkers.
ENERZIJDS WORDT DE DRUKINDUSTRIE VANDAAG MET VELE UITDAGINGEN - WAARONDER STIJGENDE KOSTEN - GECONFRONTEERD. ANDERZIJDS WORDT VERWACHT DAT DRUKKERS INSPELEN OP DE VRAAG NAAR MEER KWAILTEIT EN PRODUCTIVITEIT. AUTOMATISERING IS EEN BELANGRIJKE MANIER OM KOSTENREDUCTIE TE REALISEREN. MET :APOGEE INKSAVE, SPECIAAL ONTWORPEN OM DE KWALITEIT AUTOMATISCH TE BEWAREN EN VERBETEREN, WORDT EEN BELANGRIJKE FINANCIËLE BONUS GEREALISEERD DOOR DE INKTKOSTEN TE VERMINDEREN.
De businessgroep is een pionier op het vlak van chemievrije CtP-technologie, inclusief apparatuur en thermische en violette drukplaten. Deze technologie vermindert de ecologische voetafdruk van haar gebruikers, terwijl ze ook de efficiëntie van hun drukvoorbereidingsactiviteiten vergroot.
In 2011 introduceerde Agfa Graphics twee nieuwe thermische plaatbelichters, die elk in verschillende snelheidsversies beschikbaar zijn. De :Avalon N8-60 en de :Avalon N8-80 beschikken beide over een ultramodern lasersysteem dat de beeldkwaliteit, de betrouwbaarheid en de productiviteit verbetert. Bovendien geven de nieuwe systemen de drukker de mogelijkheid om het stroomverbruik terug te drijven. Ze zijn geschikt voor alle commercieel drukwerk en alle offsetverpakkingtoepassingen.
Op de IGAS-vakbeurs in Japan demonstreerde Agfa Graphics zijn performante thermische :Azura TS-systeem. Het combineert de :Avalon N8-80 XT-plaatbelichter met een krachtige clean-out-unit en met de op ThermoFuse gebaseerde chemievrije drukplaat :Azura TS. Het systeem kan per jaar makkelijk meer dan 40.000 m² aan drukplaten behandelen, waarmee het de ideale milieuvriendelijke oplossing is voor grote commerciële drukkerijen.
Agfa Graphics breidde ook zijn gamma conventionele thermische drukplaten verder uit. Ontworpen voor gebruik op een grote verscheidenheid aan plaatbelichters, is de nieuwe no-bake :Energy Elite Pro-drukplaat uitermate geschikt voor veeleisende drukomstandigheden.
Wat software betreft, introduceerde Agfa Graphics een nieuwe versie van zijn geroemde workflowsoftwarepakket. :Apogee Prepress 7.1 biedt – naast andere upgrades – aanzienlijke verbeteringen op het vlak van integratie en automatisering, alsook meer uitgebreide support voor digitaal drukken. Nog een innovatie is de nieuwe tool die drukkers de mogelijkheid biedt om verbinding te maken met hun :Apogee Prepress-server via een iPad, iPhone of iPod Touch. Deze applicatie kan gebruikt worden om een drukwerk in uitvoering te controleren tijdens het productieproces of om een statusoverzicht van de drukvoorbereidingapparatuur te bekijken.
Tegen het einde van het jaar kondigde Agfa Graphics een nieuwe versie van zijn veelgebruikte beveiligingssoftware :Fortuna aan. Ontworpen voor toepassingen die de hoogste graad van beveiliging vereisen, zoals bankbiljetten, wordt :Fortuna ondermeer ook gebruikt voor het beveiligen van ID-kaarten, documenten en verpakking en voor
DE :JETI 3020 TITAN FTR IS EEN HOOGPRODUCTIEVE HYBRIDE INKJETPRINTER. DANKZIJ ZIJN MODULAIRE AANPAK, KUNNEN ZIJN KLEUREN-EN SNELHEIDSCAPACITEITEN MAKKELIJK WORDEN UITGEBREID IN OVEREENSTEMMING MET DE WISSELENDE NODEN VAN DE EIGENAAR.
merkbescherming. Vandaag beveiligt Agfa Graphics meer dan 75% van alle bankbiljetten ter wereld.
Voor krantendrukkerijen verbreedde Agfa Graphics zijn aanbod systemen voor het stroomlijnen van het drukvoorbereidingsproces.
Ook in de krantenindustrie streeft Agfa Graphics er naar een koploper te zijn op het vlak van milieuvriendelijke drukvoorbereidingsystemen. In 2011 introduceerde de businessgroep een nieuwe aanvulling op zijn gamma chemievrije drukplaten. De violette :N94-VCF-drukplaat helpt krantendrukkerijen om hun ecologische voetafdruk te verkleinen en om kosten te besparen. Op de vakbeurs IFRA 2011 demonstreerde Agfa Graphics zijn volledige milieuvriendelijke CtP-oplossing, bestaande uit de :Advantage-plaatbelichter (met een capaciteit tot 300 drukplaten per uur), de :N94-VCF-drukplaten en de snelle :VXCF85 clean-out-unit.
Bovendien introduceerde Agfa Graphics een aantal softwareinnovaties. Op IFRA werden belangrijke verbeteringen aan de marktleidende :Arkitex workflowsoftware voorgesteld. De :Arkitex-tools hebben tot doel de klanten een voordeel op de concurrentie te geven door tegelijkertijd de productiviteit en de kwaliteit te verhogen en de kosten terug te dringen. Volledig nieuw is :Arkitex Eversify. Deze tool biedt krantendrukkers een eenvoudige manier om zonder de productiekosten op te drijven, de nieuwe wereld van de digitale publicaties voor mobiele toestellen te betreden.
In het grootformaatsegment breidde Agfa Graphics zijn aanbod van de instapmodellen en de middenklassesystemen :Anapurna en :Jeti verder uit. Deze systemen worden typisch – maar niet exclusief – gebruikt voor de productie van posters, banners en displays op alle mogelijke substraten.
Twee nieuwe systemen werden toegevoegd aan de ruime :Anapurna-familie. De :Anapurna M1600 drukt in 4 kleuren én wit op roll-to-roll-substraten en stijve substraten, zoals spiegelglas en plexiglas. Het systeem is geschikt voor alle types van toepassingen tot 1,6 meter breed. Ontworpen om een hoge productiviteit op stijve substraten te halen, kan de veelzijdige :Anapurna M2540 FB-vlakbedmachine toepassingen in alle maten tot een maximale breedte van 2,54 meter produceren. Gebruikers kunnen kleine producten als DVD's en bierkaartjes bedrukken, maar ook grote producten als decoratiedrukwerk, borden en displays leveren.
Ook de :Jeti-familie van grootformaatprinters verwelkomde enkele nieuwe leden. De :Jeti 3020 Titan FTR, bijvoorbeeld, is een zeer productieve hybride inkjetprinter. Door zijn modulaire ontwerp kunnen de mogelijkheden op het vlak van kleur en snelheid makkelijk uitgebreid worden naargelang de veranderende noden van de eigenaar.
In het hoogste marktsegment van de industriële vlakbedpersen kreeg de marktleidende :M-Press Tiger-machine de nieuwe :M-Press Leopard naast zich. Het :M-Press-gamma is in staat om traditionele zeefdruktechnologie te vervangen
DE :M-PRESS TIGER EN LEOPARD HIGH-END INDUSTRIËLE VLAKBED DRUKPERSEN GEBRUIKEN AGFA'S EIGEN :ANUVIA UV INKJETINKTEN. HIERMEE WORDEN PRINTS VAN TOPKWALITEIT GELEVERD VOOR ALLE MOGELIJKE INDOOR- EN OUTDOOR-TOEPASSINGEN OP EEN BREDE WAAIER VAN SUBSTRATEN: MATERIAAL MET ACHTERGRONDVERLICHTING, PAPIER, ZELFKLEVEND VINYL, METALEN PLATEN, GOLFKARTON, PVC EN VEEL MEER.
voor alle mogelijke zeefdrukwerk. Waar de :M-Press Tiger geschikt is voor het digitaal drukken van grote oplages, is de :M-Press Leopard ontworpen voor kleine tot middelgrote oplages. Het is de ideale oplossing voor displaydrukkers die de beste kwaliteit en de hoogste snelheid willen en die snel moeten kunnen omschakelen van de ene drukopdracht naar de andere. De :M-Press Tiger en Leopard leveren drukwerk van topkwaliteit voor alle toepassingen voor binnen- en buitengebruik op een grote verscheidenheid aan substraten: materiaal met geïntegreerde achtergrondverlichting, papier, zelfklevend vinyl, golfkarton, metalen platen, PVC en nog veel meer.
In 2011 boekte Agfa Graphics een aantal belangrijke commerciële successen. Drukkerijen en uitgeverijen toonden sterke interesse in zijn vernieuwende portfolio van toonaangevende producten en systemen.
In het commerciële druksegment is Agfa Graphics de onbetwiste technologie- en marktleider voor chemievrije drukplaten voor thermische en violette drukvoorbereidingsystemen.
Een goede illustratie van dit marktleiderschap is de opmerkelijke mijlpaal die bereikt werd in Japan. In de loop van het jaar werd King Printers (Osaka) de 300ste Japanse gebruiker van de :Azura TS-drukplaat.
In april organiseerde de Agfa Graphics Asia joint venture het Chinese debuut voor een aantal milieuvriendelijke producten en systemen op de vakbeurs Print China 2011. Hiermee bevestigde de joint venture zijn engagement tegenover de groeiende Chinese drukindustrie. Verwacht wordt dat veel drukkerijen in de opkomende markten rechtstreeks van CtF naar chemievrije CtP zullen overstappen. Wereldwijd neemt Agfa Graphics ongeveer 80% van het snel groeiende segment van de chemievrije drukplaten voor zijn rekening.
Ook het aantal geïnstalleerde :Apogee-workflowsystemen blijft gestaag groeien. Aan het eind van het jaar waren er wereldwijd meer dan 7.000 systemen in gebruik.
Net zoals in het commerciële segment, hebben nieuwe contracten in het krantensegment vaak betrekking op volledige drukvoorbereidingsystemen. Dansk Avis Tryk A/S, bijvoorbeeld, kocht een :Advantage N DL XT-plaatbelichter en sloot een voor drie jaar geldend contract voor drukplaten. Dansk Avis Tryk A/S is de grootste contractuele krantendrukker in Denemarken.
Ook in Azië werd een aantal belangrijke krantencontracten getekend. Zo tekenden in Korea zowel de Korean Economic Daily als de Seoul Shinmun een voor vijf jaar geldend contract voor Agfa Graphics' fotopolymere drukplaten.
De trend in het commerciële segment volgend, kiezen wereldwijd ook meer en meer krantendrukkerijen voor milieuvriendelijke drukvoorbereiding. Zo maakte Greensheet Publishing in Houston (Texas) recent de overstap naar Agfa Graphics' chemievrije drukvoorbereidingtechnologie. Greensheet Publishing drukt – naast andere publicaties – de New York Times voor zuidelijk Texas. Nog een goed voorbeeld is Urschweiz AG. De uitgeverij van de grootste dagelijkse krant van Zwitserland tekende een contract voor twee :Advantage N-plaatbelichters, :Arkitex-workflowsoftware en chemievrije drukplaten.
Hoewel de technologie nog relatief nieuw is in de krantenindustrie, gebruiken nu al meer dan 200 krantendrukkerijen Agfa Graphics' chemievrije drukplaten om hun kosten te drukken en om hun impact op het milieu te verkleinen.
Overal ter wereld erkennen drukkers de superieure drukkwaliteit en productiviteit van de industriële inkjetsystemen van Agfa Graphics. De inkjetmachines zijn niet voor niks grote publiekstrekkers op vakbeurzen overal ter wereld. Agfa Graphics bleef zijn positie in het grootformaatsegment verder uitbouwen met zijn :Anapurnaen :Jeti-printers.
In september tekende Agfa Graphics een overeenkomst met Spandex dat de :Anapurna in Europa zal verdelen. Spandex is een van de meest toonaangevende verdelers voor de display-industrie in de wereld. De meer dan 200 nieuwe installaties in 2011 meegerekend, zijn er nu wereldwijd meer dan 1.000 :Anapurna-systemen in gebruik. Nieuwe klanten – zoals J-C Press (Owatonna, Minnesota) – prijzen vaak het feit dat hun :Anapurna-machine hen de mogelijkheid geeft om hun klanten nieuwe toepassingen aan te bieden.
Ook het aantal :Jeti-installaties groeide in 2011. De voornaamste troeven van de :Jeti-machines zijn de hoge printkwaliteit, de hoge productiesnelheden en de veelzijdigheid.
Het klantenbestand voor de ultrasnelle :M-Press Tiger groeide gestaag in 2011. Het in Manchester (VK) gevestigde Cestrian Imaging kocht in de loop van het eerste kwartaal zijn tweede :M-Press Tiger. Cestrian gaf aan dat hun eerste :M-Press de digitale revolutie binnen het bedrijf een boost gegeven heeft. Klanten vragen vaak expliciet dat hun marketingmateriaal op de :M-Press geproduceerd wordt. Cestrian is één van de toonaangevende leveranciers van digitaal drukwerk in het VK. De eerste :M-Press Tiger met geïntegreerde zeefdrukunit in Noord-Amerika werd gekocht door Graphic Tech (Fullerton, Californië).
Onmiddellijk na de introductie van de nieuwe :M-Press Leopard werd het eerste contract getekend met de Bachmann-Dambach Groep, een van de voornaamste zeefdrukbedrijven in Duitsland. Daarnaast werden er al twee systemen geïnstalleerd in het VK en een in Ierland.
AGFA HEALTHCARE HEEFT ZIJN HOOFDZETEL IN MORTSEL (BELGIË). DE BUSINESSGROEP HEEFT VERKOOPORGANISATIES EN VERTEGENWOORDIGINGEN IN MEER DAN 100 LANDEN. DE PRODUCTIE- EN ONDERZOEKSVESTIGINGEN BEVINDEN ZICH IN BELGIË, DUITSLAND, FRANKRIJK, ITALIË, OOSTENRIJK, DE VERENIGDE STATEN, CANADA, CHINA EN BRAZILIË.
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 | % evolutie |
|---|---|---|---|
| OPBRENGSTEN | 1.177 | 1.180 | (0,3)% |
| RECURRENTE EBITDA1 | 123,5 | 174,3 | (29,1)% |
| % VAN DE OPBRENGSTEN | 10,5% | 14,8% | |
| RECURRENTE EBIT1 | 78,5 | 125,6 | (37,5)% |
| WINST (VERLIES) UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 40,6 | 110,5 | (63,3)% |
(1) VOOR REORGANISATIEKOSTEN EN NIET-RECURRENTE RESULTATEN.
Agfa HealthCare's opbrengsten bleven nagenoeg stabiel op 1.177 miljoen euro. Zonder wisselkoerseffecten stegen de jaaropbrengsten met 0,9%. Zoals verwacht werd 2011 het eerste jaar waarin de digitale en IToplossingen de achteruitgang in de traditionele filmbusiness konden compenseren.
In het Imaging-segment versnelde de marktgebonden achteruitgang van de traditionele röntgenfilmproducten, terwijl de digitale radiologieactiviteiten bleven groeien. Direct Radiography (DR) verdrievoudigde nagenoeg in waarde. Aangedreven door de sterke prestatie in het vierde kwartaal en ondanks de ongunstige economische omstandigheden, bleef de omzet van het Imaging IT-segment stabiel. Het Enterprise IT-segment noteerde bevredigende groeicijfers.
In de snel evoluerende medische wereld levert Agfa HealthCare wereldwijd systemen voor diagnostische beeldvorming en IT-oplossingen. De businessgroep ondersteunt ziekenhuizen en andere zorgcentra met producten en systemen voor het maken, beheren en verwerken van diagnostische beelden en gegevens, alsook met oplossingen voor het stroomlijnen en beheren van de algemene klinische en administratieve informatie. Over de hele wereld rekenen clinici op Agfa HealthCare voor steun bij het aanpakken van de uitdagingen van de hedendaagse gezondheidszorg.
In 2011 beloonde de gezondheidszorgalliantie Premier Agfa HealthCare met een Performance Award voor zijn toewijding tegenover zijn klanten. Hiermee worden leveranciers bekroond die de operationele verwachtingen inlossen en overtreffen.
De businessgroep Agfa HealthCare is georganiseerd in twee businessunits: Beeldvorming en IT.
Beeldvorming staat in voor meer dan 60% van de omzet van Agfa HealthCare. De afdeling levert tradionele röntgenfilm, hardcopyfilm en -printers, apparatuur voor digitale radiografie en contrastmedia.
De oorsprong van Agfa HealthCare ligt in de traditionele medische beeldvorming en ook vandaag nog leveren de klassieke röntgenfilm en de hardcopyfilm – waarop digitale beelden afgedrukt worden – meer dan 40% van de omzet van de businessgroep. De laatste jaren verliest röntgenfilm snel terrein ten voordele van de digitale radiografie. In 2011 versnelde deze trend zich nog onder invloed van de hoge prijzen voor zilver, dat gebruikt wordt bij de productie van röntgenfilm. De situatie op de grondstofmarkten bevestigde Agfa HealthCare's strategie in het beeldvormingsegment. De businessgroep streeft ernaar zijn gunstige uitgangspositie in radiologie te gebruiken om bestaande en nieuwe klanten bij te staan bij hun overgang van analoge systemen naar digitale radiologie en IT-systemen. Door de concurrentie van landen groeit dit marktsegment. Voor medische film is Agfa HealthCare de marktleider in Europa en de nummer twee in de rest van wereld. Agfa HealthCare neemt alle maatregelen die nodig zijn om zijn efficiëntie te vrijwaren en te verbeteren en om concurrentieel te blijven in de krimpende filmmarkt.
Naast hardcopyfilm levert Agfa HealthCare ook DRYSTARhardcopyprinters. Deze systemen geven clinici de mogelijkheid om digitale beelden af te drukken die gemaakt zijn met radiografieapparatuur en met andere modaliteiten, zoals CT- en MRI-scanners. Agfa HealthCare's gamma geavanceerde printers bevat zowel kwaliteitsvolle tafelmodellen als netwerkprinters voor grote volumes.
In het segment van de digitale radiografie is Agfa HealthCare actief met technologie voor Computed Radiography (CR) en Direct Radiography (DR). Agfa HealthCare heeft een sterke reputatie opgebouwd met zijn uitgebreide gamma CR-digitizers. Doordat het compatibel is met traditionele radiografieapparatuur biedt CR ziekenhuisafdelingen die intensief met beelden werken een betaalbare instap in de digitale beeldvorming. Deze systemen zetten analoge beelden om in digitale bestanden en bieden afdelingen de kans om hun efficiëntie te verbeteren en om hun capaciteit te verhogen. Voorts investeert Agfa HealthCare in de verdere uitbreiding van zijn DR-portfolio. DR kan met verminderde stralingsdoses uitstekende beelden leveren. De beelden zijn overal onmiddellijk beschikbaar, van de intensieve zorgafdeling tot de ziekenzalen. DR-apparatuur biedt bovendien een hogere productiviteit. Veel ziekenhuizen combineren CR en DR om tegemoet te komen aan al hun noden op het vlak van röntgenonderzoek. Als technologisch leider voor beide vakgebieden is Agfa HealthCare als geen ander in staat om zorgcentra die willen investeren in digitale beeldvorming oplossingen op maat aan te bieden.
In 2010 betrad Agfa HealthCare de markt van de generische contrastmedia via de overname van de Duitse onderneming Insight Agents GmbH. In 2011 werden deze activiteiten omgedoopt tot Agfa HealthCare Imaging Agents. De businessgroep is bezig om deze kwaliteitsvolle en kostenefficiënte producten wereldwijd op de markt te brengen.
De IT-afdeling staat nu al in voor bijna 40% van de omzet van Agfa HealthCare. Ze is een toonaangevende speler in de snel groeiende maar gefragmenteerde markt van de gezondheidszorg-IT met beeld- en informatienetwerken
AGFA HEALTHCARE'S DX-D 100: MOBIEL, COMPACT, GEBRUIKSVRIENDELIJK, SNELLE BESCHIKBAARHEID VAN HOOGKWALITATIEVE BEELDEN, MINDER RÖNTGENSTRALING.
en ondernemingsbrede IT-oplossingen. Agfa HealthCare biedt zorgorganisaties de middelen om de efficiëntie en de kwaliteit van hun dienstverlening te verbeteren. Het ultieme doel is alle betrokken partijen in de wereld van de gezondheidszorg naadloos met elkaar te verbinden.
De introductie van digitale radiografie in de vroege jaren '90 was een eerste concrete stap in de richting van de ontwikkeling van volledig geïntegreerde ziekenhuis-ITsystemen. Om digitale medische beelden van verschillende beeldvormingsmodaliteiten efficiënt te bewaren, beheren, verwerken en verdelen, installeren radiologieafdelingen Picture Archiving and Communication Systems (PACS). Deze systemen zijn vaak gekoppeld aan gespecialiseerde informatiesystemen, zoals Radiology Information Systems (RIS). In die beginjaren was Agfa HealthCare een van de eersten om PACS wereldwijd op de markt te brengen. Ook vandaag blijft het investeren in baanbrekende innovaties. Voor zorgaanbieders overal ter wereld staat de IMPAXmerknaam garant voor betrouwbaarheid en efficiëntie.
Op basis van zijn ervaring op het vlak van radiologie, ontwikkelde Agfa HealthCare een aantal IMPAX-oplossingen voor andere ziekenhuisafdelingen die intensief met medische beelden werken, zoals cardiologie, orthopedie en nucleaire geneeskunde, alsook voor bepaalde gespecialiseerde medische disciplines, zoals vrouwengeneeskunde en digitale pathologie.
Hoewel PACS- en RIS-systemen oorspronkelijk afdelingsgebonden waren, gebruiken zorgorganisaties ze nu ook om hun radiologieafdelingen te verbinden met andere beeldintensieve afdelingen en zelfs om een netwerk te creëren tussen afdelingen van verschillende ziekenhuisvestigingen. Met Agfa HealthCare's IMPAX Data Centers – die gebruik maken van XERO-technologie – is het zelfs mogelijk om de beeldvormingsgegevens van alle beeldintensieve afdelingen van alle zorgorganisaties in hele regio's centraal op te slaan. Omdat ze de beelden en de daaraan verbonden gegevens onmiddellijk beschikbaar maken, versnellen deze systemen de diagnose en verbeteren ze de patiëntenzorg.
Voor de PACS-systemen voor radiologie heeft Agfa HealthCare een zeer sterke positie in Europa. Het marktaandeel groeit in de VS, Canada, Europa en Latijns-Amerika. Met de Data Centers die hele regio's kunnen bedienen, is Agfa HealthCare een wereldwijde leider.
De grens van de beeldvorming overschrijdend, werpt Agfa HealthCare zich op als een toonaangevende speler in de snel groeiende markt van de ondernemingsbrede ITsystemen. ORBIS, Agfa HealthCare's innovatieve Hospital Information System/Clinical Information System (HIS/ CIS), verbindt medische afdelingen en administratieve ziekenhuisafdelingen in één virtueel netwerk. Het versnelt de diagnose en de behandeling door onmiddellijke en volledige toegang te bieden tot alle relevante patiëntengegevens – inclusief medische beelden en klinische en administratieve data. Bovendien ondersteunt het de administratie, de facturatie, het inplannen van afspraken en onderzoeken en de financiële rapportering. Het systeem kan dienen
AGFA'S IMPAX DATA CENTER IS EEN DYNAMISCHE OPLOSSING DIE DOOR HAAR OPEN ONTWERP EEN NAADLOZE VERDELING VAN ALLE RELEVANTE KLINISCHE DATA NAAR DE CLINICI IN DE ZORGCENTRA MOGELIJK MAAKT.
als basis voor een volwaardig Electronic Patient Record (EPR). Kortom, ORBIS is ontwikkeld om zorgorganisaties de digitale wereld in te leiden en om hen te helpen om hun productiviteit te verhogen, hun zorgverlening te verbeteren en hun kosten te drukken.
Agfa HealthCare's stapsgewijze aanpak biedt zorgorganisaties de mogelijkheid om ORBIS aan hun eigen tempo in te voeren. De verschillende modules kunnen afzonderlijk geïnstalleerd worden op maat van de wensen van de klant.
Agfa HealthCare nam de strategische beslissing om zich met ORBIS te concentreren op een selectie van Europese landen. Momenteel zijn de systemen beschikbaar voor klanten in Duitsland, Frankrijk, België, Oostenrijk, Zwitserland, Luxemburg en – sinds 2011 – het Verenigd Koninkrijk. Het succes in deze geselecteerde markten zal dienen als basis voor de geleidelijke expansie naar andere landen.
Het tweede belangrijke systeem in het ondernemingsbrede IT-aanbod van Agfa HealthCare is het elektronische archiveersysteem HYDMedia. HYDMedia geeft zowel grote als kleine ziekenhuizen en zorgcentra de mogelijkheid om al hun documenten op papier en hun elektronische documenten te integreren, waardoor ze een volledig digitaal archief voor patiëntendossiers kunnen creëren. HYDMedia verkleint de behoefte aan fysieke archiveringsruimte, vermindert de tijd die nodig is om dossiers op te vragen en verlaagt de kosten die daarmee verbonden zijn. HYDMedia is beschikbaar in Duitsland, Zwitserland, Oostenrijk, Luxemburg en – sinds 2011 – Frankrijk. Het zal geleidelijk in andere landen geïntroduceerd worden.
Agfa HealthCare heeft de ambitie om deel te nemen in de consolidatie van de gefragmenteerde markt voor ondernemingsbrede IT. In september 2011 kondigde de businessgroep de overname aan van de Braziliaanse onderneming WPD, een toonaangevende HIS-specialist. Door de overname betreedt Agfa HealthCare de groeiende HIS/CIS-markt in Brazilië, waar het al een sterke positie verworven heeft met zijn systemen voor beeldvorming en met zijn beeld- en informatienetwerken. Op langere termijn zal de strategische stap het op de markt brengen van ORBIS in Brazilië vergemakkelijken.
Zorgaanbieders streven voortdurend naar hogere kwaliteit, snellere service en verhoogde tevredenheid bij de patiënten. Tegelijkertijd worden ze echter door verscheidene maatschappelijke trends verplicht om de kosten te drukken. Hoewel de huidige economische omstandigheden enerzijds sommige overheden dwingen om te snoeien in de budgetten voor gezondheidszorg en anderzijds ziekenhuizen ertoe aanzetten om investeringen uit te stellen, wordt algemeen erkend dat digitalisering en IT noodzakelijk zijn om een evenwicht te bewerkstelligen tussen de kwaliteit van de zorgverlening, de veiligheid van de patiënt en de kostenefficiëntie.
Een belangrijke drijfveer voor de transformatie van de gezondheidszorg is de evolutie van de wereldbevolking. Volgens voorspellingen van de Verenigde Naties, zou de wereldbevolking tegen 2050 tot 9,3 miljard kunnen aangroeien. Voorts wordt verwacht dat het percentage 65-plussers tegen 2050 zou kunnen groeien van ongeveer 16% vandaag tot ongeveer 26% in de ontwikkelde landen en van ongeveer 6% tot ongeveer 15% in minder ontwikkelde landen. Aangezien de behoefte aan gezondheidszorg sterk verbonden is met leeftijd, zet deze evolutie overal ter wereld de zorgsystemen onder druk. Ze maakt duidelijk dat een verhoging van de productiviteit noodzakelijk is om de groeiende patiëntenstroom op een kostenefficiënte manier te kunnen beheren.
Verbonden met de veroudering van de bevolking en met de dramatische verandering in de levensstijl van de mensen is de snelle ontwikkeling van chronische ziekten. Dit zorgt ervoor dat het aantal diagnostische beeldvormingsprocedures toeneemt en dat de focus verschuift van de curatieve geneeskunde naar de preventieve geneeskunde.
Er zijn steeds meer bewijzen dat deze trends ertoe zullen leiden dat de huidige zorgsystemen van landen over de hele wereld op lange termijn niet houdbaar zijn indien er geen veranderingen doorgevoerd worden. Zich bewust van de noodzaak om oplossingen te vinden die kwaliteit met kostenefficiëntie combineren, promoten regeringen en lokale overheden de introductie van digitale technologieën, IT- en e-health-systemen. Dit geldt niet enkel voor de Westerse wereld, maar ook voor de opkomende markten met sterke economische groeicijfers.
De introductie van IT wordt eveneens versneld door het groeiende besef dat medische fouten vaak veroorzaakt worden door de te beperkte toegang tot informatie over de medische achtergrond en de medische noden van de patiënt enerzijds en het gebrek aan een eenvoudige toegang tot klinische richtlijnen en geneesmiddelendatabases embedded reasoning tools anderzijds. IT-systemen die alle relevante gegevens over de patiënt bundelen, ze op een gestructureerde manier bij het medisch personeel brengen, alsook de medische besluitvormingsprocessen ondersteunen, zijn een hoeksteen van de hedendaagse zorgverstrekking geworden. Bijgevolg investeren autoriteiten en zorgaanbieders meer en meer in Electronic Patient Records en Electronic Health Records (EHR).
De informatisering heeft er ook toe geleid dat patiënten beter geïnformeerd zijn. De opkomst van het internet als publieke informatiebron heeft de patiënt geëmancipeerd. Toegang tot medische informatie geeft patiënten meer controle over
DE VEELZIJDIGE, VOLLEDIG GEAUTOMATISEERDE DX-D 600 IS UITERMATE GESCHIKT VOOR AFDELINGEN MET EEN HOGE PATIËNTENBEZETTING DIE HUN WORKFLOW WILLEN STROOMLIJNEN EN DE DOORSTROMING VERSNELLEN.
hun persoonlijke gezondheidszorg. Ze gaan actiever op zoek naar het zorgcentrum dat het beste aan hun behoeften voldoet. Dit zet zorgaanbieders nog meer onder druk om kwaliteitsvolle en betaalbare dienstverlening aan te bieden. Bovendien versnelde het groeiende bewustzijn van patiënten de ontwikkeling van minder invasieve visualisatiemethodes (zoals Agfa HealthCare's systeem voor virtuele colonoscopie).
Agfa HealthCare streeft ernaar om zowel in beeldvorming als in IT geïntegreerde oplossingen te bieden op maat van de klant. De businessgroep investeert constant in de vernieuwing van de sector van de gezondheidszorg.
Agfa HealthCare heeft een compleet gamma van traditionele röntgenfilmproducten, hardcopyfilm en -printers en CRen DR-systemen. De businessgroep streeft ernaar om het zilvergehalte in de filmproducten te verminderen en om deze producten milieuvriendelijker en kostenefficiënter te maken. Bovendien investeert Agfa HealthCare in de vervollediging van zijn brede aanbod aan digitale beeldvormingssystemen.
Op het vlak van computed radiography introduceerde Agfa HealthCare twee nieuwe instapsystemen op basis van zijn veelgeprezen tafelmodel digitizer voor grote volumes, de CR 30-X. De CR 30-x is een systeem voor kleinere volumes dat gebruikt kan worden voor dezelfde grote verscheidenheid aan algemene radiologietoepassingen als de CR 30-X. De veelzijdige en productieve CR 30-Xm kan zowel voor mammografie als algemene radiologie ingezet worden.
In de '2011 top 20 Best in KLAS Awards: Medische apparatuur en infrastructuur', werd Agfa HealthCare opnieuw uitgeroepen tot leider in de categorie van de 'single plate CR'. In hetzelfde rapport was de CR 30-X digitizer voor het derde jaar op rij het hoogst gerangschikte CR-product. De volgende mijlpaal in de versnelde omschakeling van analoge naar digitale beeldvorming wordt de introductie van de nieuwe lichtgewicht CR 10-X digitizer in de loop van 2012.
Ook in direct radiography is Agfa HealthCare in sneltempo een sterke reputatie aan het uitbouwen. Alle DRsystemen worden ontwikkeld om sterke productiviteit en workflowverbeteringen te combineren met uitstekende beeldkwaliteit en verminderde stralingsdoses. In 2011 werd een aantal vernieuwende DR-systemen op de markt gebracht. De DX-D 100 met draadloze detector is een mobiele DR-röntgenunit die ontworpen is voor gebruik aan het bed van de patiënt. De compacte en makkelijk te installeren DX-D 400 kan aangepast worden aan de specifieke wensen van de afdeling. Voorts introduceerde Agfa HealthCare
SKINTELL OCT IS EEN NIET-INVASIEVE TECHNIEK DIE INFRAROOD LICHT GEBRUIKT OM DE HUIDMORFOLOGIE TE ONDERZOEKEN. HET SYSTEEM HEFT MET SUCCES EEN AANTAL BELANGRIJKE BEPERKINGEN VAN HET KLASSIEKE BIOPSIE-ONDERZOEK OP.
twee volledige digitale röntgenkamers. De zeer productieve DX-D 600 is ideaal voor centra met een grote patiëntenstroom die hun workflow willen stroomlijnen en hun capaciteit willen verhogen. De DX-D 800 is een veelzijdig systeem dat zowel voor statische en dynamische beeldvorming als voor een grote verscheidenheid aan radiologische onderzoekstypes ingezet kan worden.
Alle CR- en DR-systemen van Agfa HealthCare werken met de MUSICA²-beeldverwerkingssoftware en het toonaangevende NX-werkstation voor beeldidentificatie en -acquisitie en kwaliteitscontrole.
Tijdens EADV 2011 (het grootste Europese congres voor dermatologie, gehouden in Lissabon, Portugal) introduceerde Agfa HealthCare SKINTELL. SKINTELL is een niet-invasieve beeldvormingstechnologie die de morfologie van de huid in beeld brengt en die het mogelijk maakt om dimensies in de huidlagen te meten.
Agfa HealthCare streeft naar een voortdurende verbetering van zijn IMPAX-portfolio, die een naadloze integratie biedt van RIS, PACS en systemen voor het rapporteren of verwerken van onderzoeksresultaten.
In 2011 maakt Agfa HealthCare zijn XERO-technologie compatibel met IMPAX 6.5, de nieuwste versie van zijn PACSsysteem. Deze 'zero footprint'-tool biedt artsen op elk met het web verbonden toestel onvertraagde en veilige toegang tot medische beelden en rapporten zonder dat daarvoor softwaredownloads nodig zijn. Het systeem is compatibel met alle standaard browsers en besturingssystemen. Gebruikers getuigen over uitstekende prestaties, zelfs over beperkte internetconnecties.
Nog in 2011 stelde de businessgroep zijn uitgebreide portfolio aan Cloud en Managed Services en Mobility Solutions voor. Dit aanbod is erop gericht zorgcentra nog beter bij te staan bij het behalen van hun doelstellingen op het vlak van prestaties en kosten. De systemen geven zorgaanbieders de mogelijkheid om patiëntgegevens vrijwel overal en altijd te raadplegen.
De laatste versie van de IMPAX Clinical Applications (versie 2.1) biedt een pakket geavanceerde tools voor beeldverwerking en 3D rendering die klinische efficiëntie en kostenefficiëntie combineren. Omdat de verwerkingstools rechtstreeks in hun IMPAX-workflow geïntegreerd zijn, kunnen radiologen sneller werken, vooral bij het interpreteren van grote, complexe onderzoeken. Het feit dat gebruikers eenvoudig tussen toepassingen kunnen switchen is maar een van de voordelen van de nieuwe technologie.
Met de nieuwe IMPAX Business Intelligence biedt Agfa HealthCare radiologieafdelingen een middel om elk aspect van hun activiteiten te analyseren en om hun efficiëntie op te krikken, de klantentevredenheid te verbeteren en kosten te besparen. Voorts biedt de oplossing ziekenhuizen in de VS een aantal tools die hen helpen om te voldoen aan de Meaningful Use-normen.
Op het vlak van cardiologie voegde Agfa HealthCare drie nieuwe modules voor gegevensbeheer toe aan IMPAX Cardiovascular, zijn uitgebreide portfolio aan cardiovasculaire IT-systemen. De nieuwe modules ondersteunen digitale rapportering voor cardiale CT, transcatheter hartklepimplantatie en congenitale echocardiografie. Op RSNA 2011 stelde Agfa HealthCare zijn geïntegreerde digitale pathologie/PACSoplossing voor. Het systeem, dat nu door ziekenhuizen getest wordt, biedt pathologieafdelingen de mogelijkheid om hun workflow te digitaliseren en om de link te maken met andere ziekenhuisafdelingen, zoals radiologie.
Agfa HealthCare evalueert en verbetert zijn ORBIS HIS/CISplatform en zijn HYDMedia-archiveersysteem voortdurend. Omdat het aanpassen van deze internationale basissystemen aan de specifieke vereisten van het nationale zorgsysteem van een land grote R&D-investeringen vraagt, introduceert Agfa HealthCare zijn ondernemingsbrede IT-systemen slechts geleidelijk in bijkomende markten.
In het gebied van de traditionele röntgenfilm- en hardcopytechnologie verleende de groepsaankoopafdeling van Premier Agfa HealthCare een nieuw, voor drie jaar geldend, multisource contract voor zijn volledige gamma van traditionele diagnostische film, hardcopyfilm en hardcopyprinters. Volgens dit contract kan Agfa HealthCare deze producten aanbieden aan de 2.500 ziekenhuizen en 75.000 andere zorgcentra die in de VS lid zijn van Premier.
Het digitale radiografiesegment presteerde sterk in 2011. In het tweede kwartaal melde Agfa HealthCare dat het reeds 10.000 exemplaren van het CR 30-X-systeem geproduceerd had. Deze mijlpaal bewijst het voortdurende succes van deze compacte CR-digitizer. Het systeem is een van de pijlers van Agfa HealthCare's strategie om ziekenhuizen te assisteren bij hun omschakeling naar digitale beeldvorming.
Sinds de introductie van de DR-systemen in 2009 blijven het aantal geïnstalleerde systemen en het orderboek volgens plan groeien. In 2011 maakten verscheidene gerenommeerde zorgcentra – zoals het Sunnybrook Health Sciences Center, Canada's grootste traumacentrum – de omschakeling naar Agfa HealthCare's veelzijdige en productieve DR-technologie. In september werd een nieuw voor drie jaar geldend contract getekend met Novation. Het contract geeft de meer dan 30.000 Amerikaanse organisaties die lid zijn van Novation toegang tot Agfa HealthCare's DR-systemen.
Ook in Europa stelden verscheidene zorgaanbieders voor hun diagnostische beeldvorming hun vertrouwen in Agfa HealthCare's DR-systemen. Voorbeelden zijn het universitaire ziekenhuis Lucus Augusti (860 bedden) in Spanje, het Bethanien-ziekenhuis (680 bedden) in Duitsland en het centrum voor medische beeldvorming Mont Blanc in Frankrijk.
AGFA HEALTHCARE'S ICIS GEEFT CLINICI EEN GEÏNTEGREERD TOEGANGS-PUNT TOT ALLE MEDISCHE BEELDEN EN ONDERZOEKSRESULTATEN. AGFA HEALTHCARE'S XERO-TECHNOLOGIE BIEDT DE MOGELIJKHEID OM OP HET CIS/EHR-PORTAAL MEDISCHE BEELDEN TE RAADPLEGEN.
AGFA HEALTHCARE'S GEÏNTEGREERDE CARDIOVASCULAIRE OPLOSSING STELT CARDIOLOGEN IN STAAT DE PATIËNTENZORG TE VERBETEREN. DANKZIJ HET SYSTEEM KUNNEN ZE OP VERSCHILLENDE LOCATIES IN HET ZIEKENHUIS OF – VIA EEN BEVEILIGDE VERBINDING – THUIS OF IN HUN PRAKTIJK ONDERZOEKSRESULTATEN EN -BEELDEN RAADPLEGEN.
IMPAX VOOR BORSTONDERZOEK IS EEN KRACHTIG DIAGNOSEPLAT-FORM DAT DE RAPPORTERING IN DIGITALE BORSTONDERZOEKAF-DELINGEN VERGEMAKKELIJKT. HET IS COMPATIBEL MET DE MODALITITEITEN VAN ALLE VOORNAAMSTE PRODUCENTEN, WAARONDER ALLE GOEDGEKEURDE MAMMOGRAFIELEVERANCIERS.
In 2011 tekende Agfa HealthCare IT-overeenkomsten met nieuwe klanten van over de hele wereld. Deze klanten variëren van grote zorgorganisaties met meerdere vestigingen en regionale zorgverstrekkers over middelgrote ziekenhuizen tot beeldvormingscentra.
In de VS tekenden Premier en Agfa HealthCare een nieuwe voor drie jaar geldende multi-source overeenkomst, waardoor Agfa HealthCare zijn IMPAX Data Center-systemen en zijn IMPAX RIS/PACS-systemen kan aanbieden aan de leden van de Premier-alliantie. Bovendien haalde Agfa HealthCare voor de derde keer op rij een DIN-PACS-contract (Digital Imaging Network – Picture Archiving and Communication Systems) van de Amerikaanse overheid binnen. Agfa HealthCare is de enige onderneming die al sinds 1998 een DIN-PACS-overeenkomst heeft en het is voor deze systemen de hoofdleverancier van de Amerikaanse overheid. Over de jaren heen, heeft Agfa HealthCare systemen geïnstalleerd in meer dan 180 vestigingen van het Department of Defense en het Department of Veterans Affairs.
In Europa werden een aantal omvattende IMPAX-contracten getekend met toonaangevende zorgorganisaties. De Deense Hovedstaden-regio (de hoofdstedelijke regio) ging met Agfa HealthCare in zee voor de consolidatie van zijn ITinfrastructuur voor beeldvorming. De regio installeert IMPAX RIS/PACS-systemen in zijn 12 ziekenhuizen en een centraal IMPAX Data Center. In Finland zal het ziekenhuisdistrict van Helsinki en Uusimaa IMPAX 6.5 installeren in zijn 30 beeldvormingscentra. Het universitair ziekenhuis van Krakau selecteerde Agfa HealthCare voor de implementatie van de grootste PACS-oplossing in Polen.
Nog een goed voorbeeld van Agfa HealthCare's vermogen om veelomvattende oplossingen te bieden is het contract dat getekend werd met de Birmingham Children's Hospital NHS Foundation Trust in het VK. Agfa HealthCare zal zowel de PACS- en RIS-systemen als de CR-infrastructuur vernieuwen.
In de Benelux zal het Ziekenhuis Oost-Limburg (Genk, België) IMPAX voor cardiologie, IMPAX voor radiologie en IMPAX Enterprise installeren. Het ziekenhuis gebruikt ook reeds IMPAX RIS en ORBIS. Het Nederlandse Academisch Ziekenhuis Maastricht besliste om Agfa HealthCare's IMPAX-systemen voor radiologie en nucleaire geneeskunde te installeren.
Met een aanzienlijk aantal nieuwe overeenkomsten in 2011 kon Agfa HealthCare zijn toonaangevende positie voor HIS/CIS en archiveersystemen voor ziekenhuizen verder verstevigingen.
In Duitsland ging Agfa HealthCare door met het verstevigen van zijn leiderspositie voor ondernemingsbrede IT. Het St. Vincenz-ziekenhuis in Limburg contacteerde Agfa HealthCare bijvoorbeeld voor de vervanging van het bestaande HIS en het bestaande digitale archief door ORBIS HIS en door het HYDMedia-archiveersysteem. Een ander belangrijk contract werd getekend met de Stichting van de 'Cellitinnen zur hl. Maria', die het gebruik van ORBIS naar al haar vestigingen uitbreidt. Vijf van de ziekenhuizen van de stichting gebruikten ORBIS reeds en nu vervangen ook de vier overblijvende ziekenhuizen hun bestaande systemen door Agfa HealthCare's systeem. Andere voorbeelden van toonaangevende ziekenhuizen die hun bestaande informatiesystemen vervangen door ORBIS zijn het Städtisches Klinikum Karlsruhe en de Kliniken des Landskreises Göppingen.
In 2011 werd het HYDMedia-systeem geïntroduceerd op de Franse markt. Het Centre Hospitalier Alès-Cévennes en het Centre Hospitalier Jean Monnet in Epinal waren de eerste Franse zorgorganisaties om het archiveersysteem in gebruik te nemen.
In Luxemburg werd een belangrijk contract getekend met de drie ziekenhuizen van de 'Fondation François-Elisabeth' voor de vervanging van hun bestaande systemen door ORBIS en HYDMedia.
AGFA SPECIALTY PRODUCTS HEEFT ZIJN HOOFDZETEL IN MORTSEL (BELGIË). DE VOORNAAMSTE PRODUCTIEVESTIGINGEN BEVINDEN ZICH IN BELGIË, DE VERENIGDE STATEN, EN CHINA.
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 | % evolutie |
|---|---|---|---|
| OPBRENGSTEN | 250 | 203 | 23,2% |
| RECURRENTE EBITDA1 | 9,7 | 12,3 | (21,1)% |
| % VAN DE OPBRENGSTEN | 3,9% | 6,1% | |
| RECURRENTE EBIT1 | 5,2 | 8,3 | (37,3)% |
| WINST (VERLIES) UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | -(2,3) | 5,2 | (144,2)% |
(1) VOOR REORGANISATIEKOSTEN EN NIET-RECURRENTE RESULTATEN.
Vooral dankzij de erg sterke eerste jaarhelft groeiden de jaaropbrengsten van Agfa Specialty Products aanzienlijk. De groei is toe te schrijven aan de segmenten Functional Foils en Non-Destructive Testing (niet-destructief materiaalonderzoek). In de eerste jaarhelft presteerden de segmenten Phototooling (film voor de productie van gedrukte schakelingen) en Orgacon Electronic Materials sterk, maar tegen het einde van het jaar werden beide segmenten beïnvloed door de vertraging in de elektronica-industrie. Doorheen het jaar voelde het Motion Picture-segment meer en meer de effecten van de digitalisering van de speelfilmindustrie.
Agfa Specialty Products levert producten aan uiteenlopende industriële markten. De portfolio bevat zowel klassieke filmproducten als innovatieve producten.
De businessgroep Agfa Specialty Products steunt op Agfa's basiskennis op het vlak van de productie van polymeersubstraten en speciale deklagen. In deze context bouwt het voort op de jarenlange ervaring die de Agfa Groep heeft opgebouwd in de productie van (fotografische) chemische film.
De activiteiten van Agfa Specialty Products worden onderverdeeld in Classic Films, Functional Foils en Advanced Coatings & Chemicals. Voorts levert de afdeling Agfa-Labs klanten onderzoeksdiensten op het vlak van materialen en deklagen.
Agfa Specialty Products levert traditionele op film gebaseerde verbruiksgoederen aan beeldvormingsmarkten die niet tot het vakgebied van Agfa Graphics en Agfa HealthCare behoren. In deze markten worden analoge systemen geleidelijk vervangen door digitale alternatieven. In bepaalde segmenten zijn filmproducten echter nog steeds de norm omdat ze hoge resoluties, uitstekende beeldkwaliteit en gebruiksgemak garanderen, terwijl de omschakeling naar digitale technologie vaak aanzienlijke investeringen vergt. De activiteiten in deze markten kunnen als volgt onderverdeeld worden:
Non-Destructive Testing (NDT): Agfa Specialty Products produceert hoogstaande röntgenfilm voor niet-destructief materiaalonderzoek. Met de film worden ondermeer lasnaden in pijplijnen, stalen structuren en vliegtuigrompen getest. Wanneer Agfa in 2003 zijn NDT-businessgroep aan de General Electric Company (GE) verkocht, tekenden beide partijen een langetermijnovereenkomst waardoor Agfa röntgenfilm aan GE kon blijven leveren. Agfa treedt nu op als de exclusieve producent van GE's NDT-röntgenfilm en de daarmee verbonden chemicaliën. In 2011 was de vraag in dit segment stabiel.
Motion Picture: Voor de speelfilmindustrie levert Agfa rechtstreeks kleurenfilm voor het maken van filmkopieën en geluidsregistratiefilm aan speelfilmlaboratoria in de hele wereld. In 2011 versnelden bioscopen hun investeringen in digitale projectietechnologie. Bijgevolg bleef de omzet in dit segment achteruitgaan.
Aerial Photography: In het segment van de luchtfotografie levert Agfa Specialty Products films, chemicaliën, fotopapier en software. Door de verdere opmars van de digitale alternatieven krimpt de traditionele filmmarkt. Agfa Specialty Products slaagde er in 2011 in zijn marktaandeel te behouden, terwijl de business verder achteruitging aan het tempo van de algemene markt.
Microfilm: De microfilm van Agfa Specialty Products staat bekend om zijn hoge gevoeligheid en zijn uitzonderlijke beeldkwaliteit. Door de toenemende digitalisering krimpt de traditionele microfilmmarkt aan een tempo van 10 tot 15% per jaar. In deze krimpende markt wist Agfa Specialty Products zijn positie succesvol te verdedigen.
Functional Foils groepeert Agfa Specialty Products' activiteiten als producent van gespecialiseerde films voor toepassingen op het vlak van Security, Print en andere industrieën.
Security: Door de groeiende aandacht voor veiligheid en identificatie investeren overheden in hightech elektronische ID-documenten waarvan de authenticiteit snel en efficiënt gecheckt kan worden. Agfa Specialty Products speelt in op de groeiende vraag naar fraudebestendige ID-documenten met een gamma van gespecialiseerde films. Hiermee richt het zich op toepassingen met hoge eisen op het vlak van duurzaamheid en veiligheid, zoals persoonlijke IDdocumenten en bank- en kredietkaarten. Dankzij zijn ervaring in PET-productie kon Agfa betrouwbare en duurzame kaartmaterialen ontwikkelen (op de markt onder de merknaam PETix) die gecombineerd kunnen worden met geavanceerde personalisatie- en beveiligingstechnieken.
AGFA'S UITGEBREIDE EXPERTISE IN FILMPRODUCTIE EN GIETPROCESSEN HEEFT GERESULTEERD IN DE ONTWIKKELING VAN SYNAPS, EEN UITMUNTEND SYNTHETISCH PAPIER MET EEN SUPERIEURE BEDRUKBAARHEID EN DE APARTE 'LOOK & FEEL' VAN EEN LUXEPAPIER.
In 2011 werd de omzet positief beïnvloed door de toegenomen projectverkoop.
Print: Synthetisch papier is een alternatief voor gecoat papier voor toepassingen met hoge eisen op het vlak van duurzaamheid. Agfa Specialty Products introduceerde zijn op polyester gebaseerde synthetische papier in 2008. Het papier is op de markt onder de merken Synaps & Essense. Het valt op door zijn uitzonderlijk korte droogtijd. Bovendien is het bestand tegen water, scheuren en UV-licht, waardoor het ook geschikt is voor buitenhuistoepassingen. Synaps kan bedrukt worden met standaardinkten op alle offsetdrukpersen en op UV-inkjetprinters. Synaps is geschikt voor een grote verscheidenheid aan toepassingen, zoals labels, displays voor binnen en buiten, hoogstaand commercieel drukwerk en bepaalde verpakkingssoorten.
Begin 2011 voegde Agfa Specialty Products een nieuw product toe aan zijn portfolio van synthetische papieren: Synaps XM is ideaal voor gebruik in laserprinters. Het gamma synthetische papieren bestaat nu uit Synaps OM voor offsetdruk en UV-inkjetdruk, de zelfklevende Synaps AP- en AR-papieren, Synaps XM en de Essense bedrukbare folies. In 2011 bleef de omzet van dit segment gestaag groeien.
Industrial Foils: Agfa Specialty Products levert geavanceerde PET-filmonderlagen, chemische materialen en hightech (half-)fabrikaten aan industriële klanten. Deze materialen kunnen op maat van de wensen van de klant gemaakt worden, bijvoorbeeld voor de productie van beeldvormingsproducten.
Op basis van zijn kerncompetenties in chemische bereidingen en filmdeklagen, ontwikkelt Agfa Specialty Products geavanceerde producten en materialen voor veelbelovende groeimarkten.
Orgacon Electronic Materials: Agfa Specialty Products is een expert op het vlak van producten op basis van geleidende polymeren voor het antistatisch maken van filmen en componenten. Gebaseerd op deze producten, ontwikkelde Agfa zijn Orgacon-gamma van drukinkten, pasta's en emulsies voor de productie van transparante geleidende films die gebruikt worden in OLED-verlichting en in flexibele zonnecellen. In 2011 bleef deze activiteit bestendig groeien.
DE ORGACON-LIJN BESLAAT EEN BREDE WAAIER VAN PRODUCTEN VOOR VERSCHILLENDE TOEPASSINGEN: ANTISTATISCHE BESCHERMINGSLAGEN VOOR OPTISCHE FILMS DIE IN LCD-TV'S WORDEN GEBRUIKT; TRANSPARANTE ELEKTRODES VOOR ELECTROLUMINESCENTE ACHTERGRONDVERLICHTING VAN TOETSENBORDEN VOOR DRAAGBARE APPARATEN, AANRAAKSENSOREN EN MEMBRAANSCHAKELAARS.
AGFA'S RUIME ERVARING IN CHEMISCHE ENGINEERING, BEELDVORMING EN SYSTEEMONTWERP HEEFT GELEID TOT DE ONTWIKKELING VAN PETix, EEN ASSORTIMENT VAN HOOGSTAANDE POLYESTERFILMS VOOR DE PRODUCTIE VAN ONDER MEER ID-KAARTEN. PETix KOPPELT EEN ROBUUSTE KWALITEIT AAN EEN KOSTENEFFICIËNTE PRIJS.
Membranen: Agfa Specialty Products ontwikkelde het Zirfon Perl-membraan voor de productie van waterstof. Dit membraan kan geproduceerd worden op de bestaande coatinginfrastructuur van de businessgroep.
Industrial Inkjet Inks: Voortbouwend op het intellectueel eigendom en de kennis van de Groep op het vlak van inkjetinkttechnologie, ontwikkelt en vermarkt Agfa Specialty Products inkjetinkten voor een aantal industriële toepassingen buiten het werkdomein van Agfa Graphics. De nadruk ligt op verpakking voor voedsel en farmaceutica en op het bedrukken van hout, textiel en glas.
Phototooling: Agfa Specialty Products is een belangrijke producent van film voor de productie van gedrukte schakelingen (Printed Circuit Boards – PCB) voor de elektronica-industrie. Elektronicaproducenten gebruiken de film om de extreem fijne geleidende circuits op de gedrukte schakelingen te registreren. Omdat inkjet beschouwd wordt als een veelbelovende technologie voor PCB-productie, richt Agfa Specialty Products zijn O&O-inspanningen op de ontwikkeling van inkjetinkten voor PCB-toepassingen.
Zoals de elektronica-industrie waarin zijn klanten werken, is de phototooling-business zeer gevoelig aan conjunctuurschommelingen. Bovendien kreeg de business in 2011 af te rekenen met de sterke stijging van de zilverprijzen. In de eerste helft van het jaar bleef de business gestaag groeien, maar in de tweede jaarhelft werden de effecten van de economische crisis zichtbaar. Bijgevolg vertoonde Agfa Specialty Products' omzet in dit segment in 2011 een lichte daling tegenover het voorgaande jaar. De businessgroep slaagde erin het marktaandeel te behouden.
Alle activiteiten op het vlak van onderzoek en ontwikkeling voor materialen werden gecentraliseerd in het Agfa Materials Technology Center. Op basis van kerncompetenties en van goed omlijnde technologieplatformen ondersteunt het centrum de innovatie en het onderzoek van alle businessgroepen van Agfa. Via het Agfa-Labs-initiatief kunnen ook derden beroep doen op de knowhow en de onderzoeksinfrastructuur van het centrum.
AGFA PUBLICEERT OM DE TWEE JAAR EEN DUURZAAMHEIDSVERSLAG MET INFORMATIE OVER ZIJN ACTIVITEITEN OP DIT VLAK. IN DE JAREN DAARTUSSEN WORDT HET VERSLAG AANGEVULD MET EEN TUSSENTIJDSE UPDATE. HET VERSLAG BIEDT EEN OVERZICHT VAN AGFA'S STRATEGIEËN EN ACTIVITEITEN EN VAN DE VOORUITGANG OP HET VLAK VAN DUURZAAM ONDERNEMEN. HET WORDT GEPUBLICEERD OP AGFA'S WEBSITE: WWW.AGFA.COM.
AGFA INVESTEERT VERDER IN PROJECTEN OM DE IMPACT VAN ZIJN ACTIVITEITEN OP HET MILIEU TE VERMINDEREN. ZO WERD EIND 2011 EEN TWEEDE WARMTEKRACHTKOPPELINGCENTRALE IN MORTSEL IN GEBRUIK GENOMEN.
Agfa hecht veel belang aan het behoud van de natuurlijke rijkdommen, aan het veilige beheer van zijn vestigingen en aan het beperken van de milieueffecten van zijn activiteiten. De afname van de specifieke vuilvracht in het afvalwater, van de uitstoot in de lucht, van het energieverbruik en van het volume gevaarlijk afval zijn de positieve resultaten van deze inspanningen.
Agfa blijft investeren in projecten die de milieu-impact verder verminderen. Voorbeelden zijn de investeringen in biologische waterzuivering met hergebruik van het water in de productie, in optimale energieopwekking door middel van een warmtekrachtkoppelingcentrale en in de vernieuwing van installaties om de uitstoot in water en lucht terug te dringen.
In 2011 is Agfa erin geslaagd de specifieke vuilvracht in het afvalwater, de specifieke luchtemissies, het specifiek energieverbruik en het specifiek gevaarlijk afval aanzienlijk te verbeteren. Het specifiek waterverbruik en het specifiek afvalvolume zijn tegenover 2010 licht toegenomen.
Met een lichte stijging van 0,4% bleef het totale waterverbruik op quasi hetzelfde niveau als in 2010. Het specifieke waterverbruik steeg met 2,9%. In Agfa Graphics steeg het verbruik met 3% wat overeenkomt met de stijging van de productievolumes. De sites van Agfa HealthCare zagen hun verbruik met 10% dalen door optimalisatie van de site München.
Het waterverbruik in de Belgische vestigingen daalde met 8,8% als gevolg van de verschuiving van de klassieke filmproductie naar nieuwe producten.
De vuilvracht in het afvalwater, zowel totaal als specifiek, kende een belangrijke daling van ca. 40%. Dit is vooral het gevolg van de ingebruikname van de nieuwe, biologische afvalwaterzuivering in Mortsel. Dit proces vermindert de emissies en verwijdert zilver op een efficiëntere wijze in vergelijking met het oude zuiveringsproces. De ingebruikname van een nieuw filtersysteem in Wiesbaden verhoogde de recuperatie-efficiëntie van aluminium uit het afvalwater.
Het energieverbruik daalde met 8,7%, het specifieke energieverbruik met 6,5%. Mede hierdoor daalden de CO2 emissies met ca. 10%. Dit voornamelijk in de Belgische sites als gevolg van lagere productievolumes, een doorgedreven onderzoek naar nullastverliezen en een warmer jaar (ca. 25% minder Heating Degree Days in 2011 i.v.m. 2010).
Agfa HealthCare ziet zijn energieverbruik en CO2 -emissie verminderen met respectievelijk 29,3 % en 16,6% tengevolge van de afbraak van oude locaties en de ingebruikname van nieuwe, energie-efficiëntere gebouwen.
Agfa Graphics kent een daling van het energieverbruik en de CO2 -emissie van haar sites als gevolg van ondermeer investeringen in nieuwe, energie-efficiëntere installaties en optimalisatie van het gebruik van restwarmte uit productieprocessen voor de conditionering van gebouwen.
De specifieke luchtemissie, exclusief de CO2 -uitstoot, steeg met 4,8% tegenover 2010. De uitstoot van vluchtige organische stoffen (VOS) en NOx daalden met respectievelijk 14 en 10 ton. Anderzijds steeg de uitstoot van SO2 met 35 ton en is hiermee verantwoordelijk voor de stijging van de specifieke emissies.
Deze SO2 -emissiestijging is vooral toe te schrijven aan de slijtage van Agfa's eerste warmtekrachtkoppelingcentrale. Einde 2011 werd de installatie grondig gereviseerd.
De daling van de VOS-emissies is enerzijds het gevolg van de lagere filmproductievolumes. Anderzijds zijn er op de site Westerlo procesoptimalisaties uitgevoerd met tot 70% lagere VOS-emissies als gevolg.
Het totale afvalvolume steeg licht met 0,7%; het specifieke afvalvolume met 2,8%. Door de ingebruikname van het nieuwe biologische waterzuiveringsproces werd de oude installatie gereinigd wat tot een bijkomende hoeveelheid slibafval leidde. Daarnaast steeg de hoeveelheid extern gerecycleerde filmafval met 1.310 ton tengevolge van een voorraadreducerend programma.
De toename van de afvalhoeveelheid werd deels gecompenseerd doordat in de nieuwe waterzuiveringsinstallatie bijkomende afvalwaterstromen konden worden verwerkt.
Het specifiek gevaarlijk afvalvolume ligt 0,7% lager dan in 2010 en bevestigt hiermee de dalende trend sinds 2005. Milieu-incidenten werden vooral uit Mortsel gemeld en hadden hoofdzakelijk te maken met inbreuken op de lozingsvoorwaarden voor water. Deze werden alle aan de overheid gemeld en gaven geen aanleiding tot boetes.
Omgeven door woongebied maakte alleen Mortsel melding van klachten van omwonenden. Ongeveer 60% van deze klachten had te maken met geluidshinder wat tot bijkomende
IN HET NAJAAR VAN 2011 NAM AGFA-GEVAERT OP DE SITE IN MORTSEL EEN NIEUWE BIOLOGISCHE WATERZUIVERINGSINSTALLATIE IN GEBRUIK. HIERDOOR KAN ONGEVEER 40% VAN HET INDUSTRIËLE AFVALWATER OPNIEUW IN HET PRODUCTIEPROCES WORDEN GEBRUIKT.
investeringen leidde om de geluidsoverlast te beperken. Een kwart van de klachten betrof geurhinder vooral door de reinigingswerken in het kader van de ingebruikname van de nieuwe waterzuivering.
Agfa investeert tijd, geld en inspanningen in het aangaan van sterke en duurzame relaties met de gemeenschappen waarin het actief is. In veel van de landen waarin Agfa actief is, wordt de onderneming geconfronteerd met sociale, economische en milieugebonden uitdagingen, die buiten het normale bereik van de bedrijfsactiviteiten vallen. Agfa streeft ernaar een tastbaar verschil te maken in het leven van mensen, door zich actief te engageren in het oplossen van problemen, door de levenskwaliteit in lokale gemeenschappen te verbeteren en door anticiperend met groepen belanghebbenden om te gaan.
De Agfa-Gevaert Groep steunt tevens Agfa Aid, een organisatie van Agfa-medewerkers die zich vrijwillig inzetten voor het goede doel. De missie van Agfa Aid is het steunen van kleinschalige projecten, vooral gericht op kinderen. In deze projecten zijn Agfa-medewerkers rechtstreeks betrokken. Agfa Aid zamelt geld in via benefietconcerten en donaties.
Agfa Aid heeft projecten over de hele wereld:
Talmid (Roemenië): onderwijsondersteuning Romazigeuners.
Azia (Nigeria): ondersteuning voor de bouw van een school.
In de huidige snel veranderende bedrijfsomgeving is de mogelijkheid om te leren en snel nieuwe vaardigheden te verwerven van cruciaal belang voor het behouden van een voorsprong op de concurrentie en het waarborgen van toekomstige groeimogelijkheden. Alle werknemers dienen daarom de mogelijkheid te hebben zich permanent te blijven ontwikkelen en nieuwe vaardigheden aan te leren.
Daartoe heeft Agfa een brede reeks beleidsmaatregelen, programma's en activiteiten ingevoerd.
'Employability', ofwel inzetbaarheid, zowel vanuit bedrijfsals persoonlijk oogpunt, is een belangrijk doel voor het management van Agfa in deze periode van intensieve transformatie van de sector en de bedrijfsactiviteiten. Agfa streeft ernaar om een werkgever te zijn met duidelijk gedefinieerde en toegepaste normen op het vlak van gezondheid en veiligheid. Het wil hierbij alle wettelijke verplichtingen naleven en zich houden aan de algemene principes van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.
De Vennootschap heeft beslist om de Belgische Corporate Governance Code 2009 als referentiecode toe te passen. Deze Code kan worden geraadpleegd op de website www.corporategovernancecommittee.be.
Tenzij anders aangegeven in de relevante secties van deze verklaring, past de Vennootschap de Belgische Corporate Governance Code 2009 volledig toe. Het volledige Corporate Governance Charter van de Vennootschap is gepubliceerd op de website: www.agfa.com/investorrelations.
Onderhavige Corporate Governance Verklaring is tevens in overeenstemming met de Corporate Governance Wet van 6 april 2010, zoals gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 23 april 2010. Deze Corporate Governance Wet kan worden geraadpleegd op de website van het Belgisch Staatsblad: www.staatsblad.be. Het Remuneratieverslag maakt deel uit van deze Corporate Governance Verklaring.
De bestuursstructuur van de Vennootschap is opgebouwd rond de Raad van Bestuur, de Chief Executive Officer (CEO) en het Executive Committee (Exco). De Raad van Bestuur wordt bijgestaan door een Benoemings- en Remuneratiecomité, een Auditcomité en een Strategisch Comité.
De Raad van Bestuur is als hoogste bestuursorgaan bevoegd om alle handelingen te verrichten die noodzakelijk of nuttig zijn voor de verwezenlijking van het maatschappelijk doel, met uitzondering van die waarvoor volgens de wet alleen de Algemene Aandeelhoudersvergadering bevoegd is (onder meer de wijziging van de statuten, kapitaalverhoging buiten toegestaan kapitaal, kapitaalvermindering).
De bevoegdheden en werking van de Raad van Bestuur worden in extenso beschreven in het Corporate Governance Charter.
De statuten bepalen dat de Raad van Bestuur vergadert wanneer het belang van de Vennootschap dit vereist of wanneer twee bestuurders hierom verzoeken. In 2011 vonden er acht vergaderingen plaats.
De Raad van Bestuur vergaderde en besliste tijdens 2011 onder meer over: het bepalen van de bedrijfsstrategie en van de belangrijkste beleidslijnen, de vooruitzichten voor 2012 en de actieplannen voor de volgende jaren, de aanbevelingen gedaan door de verschillende Comités van de Raad van Bestuur, het risicomanagement, de goedkeuring van budgetten, kostenbeheersingscenario's, de evolutie van belangrijke juridische geschillen en de goedkeuring van de jaarrekeningen.
Bestuurders die mogelijkerwijs een belangenconflict hebben met betrekking tot een agendapunt moeten dit voor iedere beraadslaging melden en moeten zich onthouden van beraadslaging en stemming over dat onderwerp. Meer in het bijzonder mogen bestuurders zich niet in conflictsituaties plaatsen zoals beschreven in het Corporate Governance Charter van de Vennootschap. Wanneer een dergelijke situatie zich tegen hun wil in alsnog voordoet, dan moeten zij dit bekendmaken voor enige beraadslaging met betrekking tot het bewuste agendapunt plaatsvindt en zich onthouden van beraadslaging en stemming hierover. In 2011 hebben er zich geen situaties voorgedaan waarbij een bestuurder rechtstreeks of onrechtstreeks een belangenconflict had met een beslissing van de Raad van Bestuur.
De statuten bepalen dat de Raad van Bestuur samengesteld is uit ten minste zes leden, al dan niet aandeelhouders, die benoemd worden voor een hernieuwbare termijn van maximum drie jaar. Minstens de helft van de leden zijn 'nietuitvoerende bestuurders', en minstens drie van hen zijn onafhankelijk.
Aan de mandaten van Willy Duron, Roland Junck, Pamica NV, met als vaste vertegenwoordiger Michel Akkermans en Value Consult Management- und Unternehmensberatungsgesellschaft mbH, met als vaste vertegenwoordiger Horst Heidsieck, als bestuurders van de Vennootschap was een einde gekomen onmiddellijk na de Jaarvergadering van 26 april 2011.
Tijdens de Jaarvergadering van 26 april 2011 werden Willy Duron, Roland Junck, Pamica NV, met als vaste vertegenwoordiger Michel Akkermans en Value Consult Management- und Unternehmensberatungsgesellschaft mbH, met als vaste vertegenwoordiger Horst Heidsieck, door de aandeelhouders herbenoemd als onafhankelijke bestuurders voor een nieuwe termijn van drie (3) jaar.
Sedert 26 april 2011 bestaat de Raad van Bestuur dan ook uit de hiernavolgende acht leden:
Value Consult Management- und Unternehmensberatungsgesellschaft mbH1 , met als vaste vertegenwoordiger Horst Heidsieck, lid sinds 2008, Bestuurder van vennootschappen;
Roland Junck1 , lid sinds 2008, Bestuurder van vennootschappen;
Aan de mandaten van Christian Leysen en van De Wilde J Management, met als vaste vertegenwoordiger Julien De Wilde als bestuurders van de vennootschap, zal een einde komen onmiddellijk na de Jaarvergadering van 24 april 2012. Beiden stellen zich herkiesbaar.
Aan de aandeelhouders zal tijdens de Jaarvergadering op 24 april 2012 worden voorgesteld De Wilde J Management, met als vaste vertegenwoordiger Julien De Wilde als onafhankelijk bestuurder te herbenoemen voor een nieuwe termijn van drie (3) jaar.
Aan de aandeelhouders zal tijdens de Jaarvergadering op 24 april 2012 tevens worden voorgesteld Christian Leysen als bestuurder te herbenoemen voor een nieuwe termijn van drie (3) jaar. Aangezien in het geval van herbenoeming, dit zijn vierde opeenvolgende mandaat als niet-uitvoerende bestuurder zal zijn, voldoet Christian Leysen niet langer aan de criteria van artikel 526ter van het Wetboek van Vennootschappen om als onafhankelijke bestuurder te worden beschouwd.
Julien De Wilde (°1944 - Belg) behaalde het diploma van burgerlijk ingenieur aan de Katholieke Universiteit Leuven (België). Vanaf 1969 oefende hij verschillende managementfuncties uit bij Texaco. In 1986 werd hij benoemd tot lid van de Europese Raad van Texaco in New York. In 1988 ging hij het onderzoek- en business developmentcentrum van Recticel leiden. Een jaar later trad hij toe tot het Directiecomité van Alcatel Bell. Hij droeg er de verantwoordelijkheid voor strategie en algemene diensten. Van 1995 tot 1998 was Julien De Wilde CEO van Alcatell Bell en van 1999 tot 2002 Executive Vice-President en lid van het Directiecomité van Alcatel in Parijs, verantwoordelijk voor Europa, het Midden-Oosten, Latijns-Amerika, India en Afrika. Van 1 juli 2002 tot mei 2006 was hij CEO van de Bekaert Groep.
Julien De Wilde trad toe tot Agfa's Raad van Bestuur in 2006. Sinds april 2008 is hij Voorzitter van de Raad van Bestuur.
Christian Reinaudo (°1954 - Fransman) studeerde af aan de 'Ecole de Physique et de Chimie Industrielles de Paris' en heeft een doctoraat van de Universiteit van Parijs (Frankrijk). Hij startte zijn loopbaan bij Alcatel (toen nog 'Compagnie Générale d'Electricité') in 1978 in het Onderzoeks- en Ontwikkelingscentrum van Marcoussis (Frankrijk). Tijdens zijn Alcatel-periode leidde hij activiteiten met een omzet van verschillende miljarden euro en internationale verkoopen serviceorganisaties. Van 1984 tot 1996 bekleedde hij verschillende functies binnen de 'Cable'-Groep van Alcatel (nu Nexans), van onderzoek en ontwikkeling tot productie, aankoop, verkoopondersteuning en diensten.
Begin 1997 werd hij President van de Submarine Networks Divisie. Nadat hij in 1999 tot President van de hele Optics Groep werd benoemd, trad hij begin 2000 toe tot het Directiecomité van Alcatel als Executive Vice-President. In 2003 werd hij benoemd tot President van Alcatel Asia Pacific en verhuisde hij naar Shanghai (China) waar hij verbleef tot 2006. In die periode was hij ook de Ondervoorzitter van de Raad van Bestuur van Alcatel Shanghai Bell, de Chinese joint venture tussen Alcatel en de Chinese overheid. Na zijn terugkeer naar Parijs in 2006 werd hij verantwoordelijk voor het management van het integratie- en transitieproces als gevolg van de fusie van Alcatel en Lucent Technologies. Hij ging ook deel uitmaken van de Raad van Bestuur van Draka Comteq (Nederland). In 2007 werd hij benoemd tot President van Alcatel-Lucent Noord- en Oost-Europa en trad hij toe tot de Raad van Bestuur van Alcatel-Lucent (België). Begin 2008 stapte Christian Reinaudo over naar Agfa-Gevaert waar hij President van Agfa HealthCare werd.
Christian Reinaudo trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2010. Op 1 mei 2010 werd hij tevens CEO van Agfa-Gevaert.
Michel Akkermans (°1960 - Belg) behaalde een diploma van ingenieur in de elektronica en de computerwetenschappen en een diploma in de economie en financiën aan de Katholieke Universiteit Leuven (België). Hij bekleedde managementfuncties bij een aantal internationale bankinstellingen en consulting-bedrijven alvorens in 1989 FICS op te richten, een toonaangevende softwarespecialist op het vlak van online-bankieren en financiële rapportering.
In 1999 fuseerden FICS, Edify en Vertical One met Security First Technologies tot S1 Corporation, de marktleider op het vlak van bankieren via het internet. Michel Akkermans werd Voorzitter van deze groep. In 2002 werd hij Voorzitter en CEO van Clear2Pay, een vernieuwende e-finance-onderneming, gespecialiseerd in wereldwijd toepasbare oplossingen voor beveiligde elektronische betalingen.
Michel Akkermans trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2008. Hij werd op 26 april 2011 herbenoemd tot bestuurder.
Jo Cornu (°1944 - Belg) studeerde af als burgerlijk ingenieur elektrotechniek en werktuigkunde aan de Katholieke Universiteit Leuven (België) en hij behaalde een PhDdiploma elektronica aan de Carlton University in Ottawa (Canada). Jo Cornu was CEO van Mietec van 1982 tot 1984 en daarna General Manager van Bell Telephone tot 1987. Van 1988 tot 1995 was hij lid van het Directiecomité van Alcatel NV en van 1995 tot 1999 COO van Alcatel Telecom. Daarna werd hij adviseur van de Voorzitter van de Raad van Bestuur van Alcatel. Van 2005 tot 2007 was Jo Cornu voorzitter van de ISTAG groep (Information Society Technologies Advisory Group) van de Europese Commissie. Van begin maart 2007 tot einde januari 2008 was hij voorzitter van Medea+, de Eureka Cluster voor Microelektronica Research in Europa.
Jo Cornu trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2002. Eind november 2007 werd Jo Cornu tot CEO van Agfa-Gevaert benoemd. Hij legde zijn mandaat van CEO neer met ingang van 1 mei 2010. Op 27 april 2010 werd hij herbenoemd tot bestuurder.
• Bestuurder KBC Groep NV, Electrawinds en Belgacom NV van publiek recht.
Willy Duron (°1945 - Belg) is licentiaat in de wiskunde (Rijksuniversiteit Gent, België) en licentiaat in de actuariële wetenschappen (Katholieke Universiteit Leuven, België). Hij begon zijn loopbaan in 1970 als actuaris bij ABB verzekeringen (Assurantie van de Belgische Boerenbond) waar hij in 1984 directeur Leven en Herverzekering en later Adjunct-Directeur-Generaal werd. In 2000 werd hij Voorzitter van het Directiecomité van KBC Verzekeringen NV, en in 2003 Voorzitter van het Directiecomité van KBC Bankverzekeringsholding NV. Vanaf begin 2005 tot het najaar van 2006 was hij CEO van KBC Groep NV.
Willy Duron trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2008. Hij werd op 26 april 2011 herbenoemd tot bestuurder.
Horst Heidsieck (°1947 - Duitser) bezit een doctoraatsdiploma in de fysica. Tijdens zijn studies aan de Universiteit van Bonn (Duitsland) en de Technische Universiteit van Aken (Duitsland) concentreerde hij zich op de fysica en de elektronica van de vaste stof en de metaalkunde. Van 1980 tot 1991 bekleedde hij diverse managementfuncties – waaronder een plaats in de Executive Board – binnen de Degussa Groep. In 1990 werd hij CEO van de technologiegroep Leybold en van 1995 tot 1998 integreerde hij met succes de voormalige concurrenten Leybold en Balzers in de nieuw opgerichte Balzers und Leybold Groep. In de daarop volgende jaren was Horst Heidsieck lid van het Adviescomité en later CEO van de Heraeus Holding, een technologiegroep met zeer diverse activiteiten. Van 2003 tot eind 2006 was hij CEO van de Demag Holding, een verzameling van zeven bedrijven die in 2002 door Kohlberg Kravis Roberts werden overgenomen van Siemens.
Sinds januari 2007 is hij beherend aandeelhouder van het nieuw opgerichte consulting-bedrijf Value Consult. Hij treedt op als lid van raadgevende organen en ondersteunt managers bij het verwezenlijken van verbeteringen in hun ondernemingen.
Horst Heidsieck trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2008. Hij werd op 26 april 2011 herbenoemd tot bestuurder.
Roland Junck (°1955 - Luxemburger) studeerde af aan het Federale Polytechnische Instituut in Zürich (Zwitserland) en hij behaalde een MBA-diploma aan de Sacred Heart University in Luxemburg. Hij begon zijn carrière bij Arbed. Bij TrefilARBED Bissen werd hij General Manager in 1993 en Managing Director in 1996. Na diverse managementfuncties bij Arbed, werd hij in 1998 Senior Vice-President bij Aceralia (Spanje). Van 1999 tot 2002 was hij lid van de Management Board van de Arbed Groep. In 2002 werd hij benoemd tot Senior Executive Vice-President van het pas opgerichte Arcelor, dat ontstaan was uit de fusie van Aceralia, Arbed en Usinor. In augustus 2006 werd hij CEO van Arcelor Mittal en lid van de Management Board van de groep. Na de reorganisatie van de managementstructuur van deze onderneming in november 2006 werd hij aangesteld als adviseur van de CEO terwijl hij lid bleef van de Board tot juli 2007. In februari 2009 werd hij benoemd tot CEO van Nyrstar NV.
Roland Junck trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2008. Hij werd op 26 april 2011 herbenoemd tot bestuurder.
Christian Leysen (°1954 - Belg) behaalde de diploma's van handelsingenieur en licentiaat in de rechten aan de Vrije Universiteit Brussel (België). In 1984 richtte hij Xylos op, een dienstverlener in informatie- en communicatietechnologie. In 1989 werd hij verantwoordelijk voor het dagelijkse bestuur van het maritieme en logistieke bedrijf Ahlers. Sinds 1994 is hij er CEO. Van 2000 tot 2002 was hij Voorzitter van de Raad van Bestuur van de Antwerpse Waterwerken. In 2004 werd hij Voorzitter van de Raad van Bestuur van de Universiteit Antwerpen Management School.
Christian Leysen trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2003.
Het Auditcomité vervult de taken zoals omschreven in artikel 526bis§4 van het Wetboek van Vennootschappen en staat de Raad van Bestuur bij in het uitoefenen van zijn opdracht van controle in de ruimste betekenis van het woord.
Zijn bevoegdheden en werking worden in extenso beschreven in hoofdstuk 5.1 van het Corporate Governance Charter.
Het Auditcomité bestaat sedert 1 mei 2010 uit vier nietuitvoerende bestuurders, m.n. de heer W. Duron, Voorzitter, en de heren H. Heidsieck, R. Junck en J. Cornu. Drie ervan zijn onafhankelijke bestuurders. Al deze heren voldoen aan de vereisten van artikel 526bis§2 van het Wetboek van Vennootschappen inzake deskundigheid op het gebied van boekhouding en audit.
Het Comité had vijf zittingen in 2011.
Onder meer de volgende agendapunten werden in de loop van 2011 behandeld: het nazicht van de jaarrekeningen 2010, de kwartaalresultaten van 2011 en de rapporten van de interne auditafdeling, de opvolging van belangrijke juridische zaken zoals het AgfaPhoto-dossier en de evaluatie van het risicomanagement in de Groep.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité werd door de Raad van Bestuur belast met verantwoordelijkheden inzake de voordracht voor benoeming, herbenoeming en ontslag van Bestuurders en leden van het Executive Management, het remuneratiebeleid en de individuele remuneratie van Bestuurders en leden van het Executive Management. De taken en werking van het Benoemingsen Remuneratiecomité worden in extenso beschreven in hoofdstuk 5.2 van het Corporate Governance Charter. Het Benoemings- en Remuneratiecomité bestaat uitsluitend uit niet-uitvoerende bestuurders.
Het Comité bestaat sinds 1 mei 2010, datum waarop J. Cornu in dit Comité benoemd werd, uit vier leden m.n. de heer C. Leysen, Voorzitter, en de heren J. De Wilde, M. Akkermans en J. Cornu. Het Comité had drie zittingen in 2011 en onder meer de volgende agendapunten werden in de loop van 2011 behandeld: samenstelling van de Raad van Bestuur en de Comités, het remuneratiebeleid, prestaties en remuneratie van het Executive Management en Senior Executives, pensioenverplichtingen en opstellen Remuneratieverslag.
De bevoegdheden en werking van het Strategisch Comité worden in extenso beschreven in het Corporate Governance Charter. Het Strategisch Comité adviseert de Raad van Bestuur omtrent de strategische beleidsopties en meer bepaald, omtrent de strategische ontwikkelingen in de domeinen waarin de Vennootschap actief is. Het Strategisch Comité adviseert de Raad eveneens omtrent het vijfjarenplan dat door het Executive Management ieder jaar wordt voorgelegd, omtrent strategische dossiers zoals acquisities, desinvesteringen, strategische allianties en de uitvoering en de opvolging daarvan. Het Comité werd opgericht bij beslissing van de Raad van Bestuur op 12 december 2007. Voorzitter is de heer Julien De Wilde, leden zijn de Voorzitters van de andere bestaande Comités en elke andere bestuurder aangeduid door de Raad van Bestuur. Sedert 1 mei 2010 werd ook Jo Cornu benoemd in dit
Comité. Er was één vergadering in 2011.
| NAAM | RAAD | AC | BRC | SC |
|---|---|---|---|---|
| DHR. JULIEN DE WILDE | 8/8 | 3/3 | 1/1 | |
| DHR. CHRISTIAN REINAUDO | 8/8 | |||
| DHR. MICHEL AKKERMANS | 8/8 | 3/3 | ||
| DHR. JO CORNU | 8/8 | 5/5 | 3/3 | 1/1 |
| DHR. WILLY DURON | 8/8 | 5/5 | 1/1 | |
| DHR. HORST HEIDSIECK | 6/8 | 3/5 | ||
| DHR. ROLAND JUNCK | 5/8 | 1/5 | ||
| DHR. CHRISTIAN LEYSEN | 8/8 | 3/3 | 1/1 |
Het uitvoerend management van de Vennootschap werd toevertrouwd aan een gedelegeerd bestuurder/CEO, CRBA Management BVBA, met als vaste vertegenwoordiger de heer Christian Reinaudo, die wordt bijgestaan door een Exco. Samen vormen zij het Executive Management. De CEO is belast met de uitvoering van het ondernemingsbeleid en de strategie bepaald door de Raad van Bestuur. Hij ontving bijgevolg de meest uitgebreide bevoegdheden inzake dagelijks bestuur en een aantal specifieke bijzondere volmachten. Deze bevoegdheden zijn in extenso opgenomen in het Corporate Governance Charter.
De CEO brengt regelmatig verslag uit over zijn werkzaamheden en over de evolutie van de dochtervennootschappen en van de deelnemingen, teneinde de Raad van Bestuur de mogelijkheid te geven hierop controle uit te oefenen.
Sedert 1 april 2011 is het Exco samengesteld als volgt:
Agfa's Executive Management is verantwoordelijk voor de interne controle- en risicosystemen van de Groep, inclusief die m.b.t. financiële rapportering, zoals goedgekeurd door de Raad van Bestuur. De interne controle op de financiële rapportering behelst de beoordeling van de relevante risico's en de identificatie van en het toezicht op kerncontroles en acties die genomen worden ter correctie van gebreken wanneer die geïdentificeerd worden. Het Auditcomité beoordeelt de effectiviteit van de systemen voor interne controle en risicobeheer.
Agfa's controleomgeving bestaat uit centrale finance-functies zoals consolidatie en rapportering, belastingen, treasury en investor relations enerzijds en uit finance-functies op het niveau van de drie businessgroepen anderzijds. Alle financefuncties rapporteren (on)rechtstreeks aan de Chief Financial Officer. Alle Groepsentiteiten volgen de uniforme centrale boekhoudkundige regels en rapporteringsvereisten die zijn beschreven in Agfa's 'Corporate Controlling and Accounting Manual'.
Gebaseerd op maandelijkse beoordelingsvergaderingen met de centrale functies en met het management van de businessgroepen, heeft het Executive Management een proces in gebruik om op regelmatige basis de risico's, inclusief de risico's m.b.t. het financiële rapporteringsproces, te identificeren, beoordelen en op te volgen. Het rapporteert aan het Auditcomité over deze risico's. Deze risico's worden geëvalueerd door het Auditcomité, dat verdere acties kan definiëren voor het Executive Management.
Elke businessgroep is verantwoordelijk voor het controleren van de financiële prestaties en verwachtingen. Elke businessgroep rapporteert maandelijks aan het Executive Management. Het consolidatieproces, gebaseerd op meer uitgebreide rapportering, wordt elk kwartaal uitgevoerd. Het wordt beoordeeld door het Executive Management en het Auditcomité, die acties kunnen definiëren voor de businessgroepen en de centrale functies.
Alle entiteiten gebruiken uniforme centrale rapporteringstools en rapporteren in overeenstemming met de instructies en de rapporteringsrichtlijnen opgesteld door de centrale rapporteringsafdeling. Financiële informatie (inclusief key performance indicators) worden op een consistente basis voorbereid voor elke businessgroep en op het geconsolideerde niveau. Ze worden gecontroleerd door de aangewezen verantwoordelijke. Het Executive Management rapporteert regelmatig aan het Auditcomité over alle key risk factors.
Een van de verantwoordelijkheden van de afdeling Corporate Controlling en Accounting is de verbetering van de procedures die gebruikt worden voor de voorbereiding en verwerking van financiële informatie. Er worden regelmatig controles uitgevoerd op de belangrijkste controleprocedures in de voorbereiding van financiële informatie in de dochterondernemingen en op Groepsniveau om te verzekeren dat de instructies en richtlijnen over financiële rapportering correct worden toegepast.
Interne Audit ziet toe op de controle van interne beleidslijnen, richtlijnen en controles m.b.t. financiële rapportering en operationele aspecten, zoals verkoop, productie en R&D. Interne Audit rapporteert aan het Auditcomité, dat toeziet op de doeltreffendheid.
De Secretaris van de Vennootschap werd benoemd tot compliance officer om de naleving te controleren van de beleidslijnen van de Vennootschap inzake de voorkoming van handel met voorkennis en marktmanipulatie door de Bestuurders en andere welbepaalde personen.
De voornaamste elementen en kenmerken van het evaluatieproces voor de Raad van Bestuur en de Comités betreffen de beoordeling over de wijze waarop de Raad van Bestuur en de Comités werken, het nagaan of belangrijke onderwerpen grondig worden voorbereid en besproken, de beoordeling van de werkelijke bijdrage van elke bestuurder en zijn betrokkenheid bij de bespreking en besluitvorming. Het volledige evaluatieproces wordt in extenso uiteengezet in de hoofdstukken 3, 4 en 5 van het eerder vermelde Corporate Governance Charter.
De laatste formele evaluatie vond plaats in 2010, waarbij er op initiatief van de Voorzitter van de Raad van Bestuur en in samenwerking met de Voorzitter van het Benoemings- en Remuneratiecomité een intern evaluatieproces werd opgestart waarbij er contacten werden gelegd met de leden van de Raad van Bestuur en van het Executive Management om enerzijds de werking van de Raad en het Executive Management (zowel individueel als als college) en anderzijds de samenwerking en de relatie tussen beide colleges te evalueren.
De criteria die in overweging genomen werden tijdens de evaluatie betroffen zowel de omvang, de samenstelling en de performantie van de Raad van Bestuur en de Comités als de kwaliteit van de interactie tussen Raad van Bestuur en Executive Management. De resultaten werden enerzijds bepaald op basis van de antwoorden die gegeven werden op een vragenlijst (bestaande uit een zeventigtal vragen onderverdeeld in een tiental hoofdstukken), en anderzijds de feedback die gegeven werd tijdens individuele gesprekken.
In de jaren dat er geen formele evalutie plaats vindt, informeert de Voorzitter van de Raad van Bestuur op regelmatige tijdstippen informeel bij de leden van de Raad van Bestuur en van het Executive Management omtrent het functioneren van de verschillende organen.
De Raad van Bestuur heeft kennis genomen van de Belgische wet van 28 juli 2011 met betrekking tot genderdiversiteit op niveau van de Raad van Bestuur. Vanaf de inwerkingtreding van deze wet in 2012, zal de Raad van Bestuur hieraan bijzondere aandacht besteden.
De voorstellen van de Raad van Bestuur aan de Algemene Aandeelhoudersvergadering m.b.t. de besteding en verdeling van het resultaat houden rekening met verscheidene factoren, zoals de financiële situatie van de Vennootschap, de resultaten uit bedrijfsactiviteiten, de huidige en verwachte kasstromen en de expansieplannen.
Agfa-Gevaert stelde reeds onmiddellijk na de beursgang in 1999, overeenkomstig haar principes en waarden, een Verhandelingscode (Code of Dealing) op. Die Code bevat de regels die door de bestuurders en het senior management moeten worden nageleefd in het geval zij financiële instrumenten willen verhandelen van de Vennootschap. De Code verbiedt voormelde personen o.m. om te handelen gedurende welomschreven periodes voor de bekendmaking van haar financiële resultaten en voor de bekendmaking van andere koersgevoelige informatie. Agfa-Gevaert heeft in het licht van de Wet van 2 augustus 2002 en het KB van 5 maart 2006 betreffende marktmisbruik, de voormelde Code aangepast om ze in overeenstemming te brengen met de huidige wettelijke reglementering ter zake. De aangepaste versie van de Code bevindt zich op de website en op het intranet van de Vennootschap als onderdeel van het Corporate Governance Charter.
De commissaris van Agfa-Gevaert NV is KPMG, bedrijfsrevisoren, vertegenwoordigd door de heren Filip De Bock en Erik Clinck. De commissaris werd op de jaarvergadering van 27 april 2010 herbenoemd voor een periode van drie jaar. Zijn mandaat loopt dan ook ten einde onmiddellijk na de Jaarvergadering van 2013.
De honoraria in verband met diensten geleverd door KPMG bedroegen in 2011 wereldwijd 2.185.794 euro. Hiervan heeft 1.894.114 euro betrekking op audit-honoraria voor het nazicht van de jaarrekeningen, 119.408 euro op andere controleopdrachten, 62.755 euro op prestaties in verband met belastingen en 109.517 euro voor andere prestaties buiten de revisorale opdrachten.
Op grond van de informatie waarover de Vennootschap beschikt ingevolge transparantieverklaringen die overeenkomstig de wettelijke en statutaire bepalingen ter zake werden ontvangen, zijn de belangrijkste aandeelhouders op datum van dit jaarverslag:
Aangezien de Vennootschap momenteel in het bezit is van 2,39% eigen aandelen, ligt de free float momenteel tussen 77,61% en 86,61%.
De Raad van Bestuur verklaart hierbij dat het Jaarverslag is opgesteld in overeenstemming met artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007. In verband hiermee licht de Raad van Bestuur toe dat:
Agfa-Gevaert NV (Ondernemingsnummer 0404.021.727, Rechtspersonenregister Antwerpen) is een naamloze vennootschap naar Belgisch recht die een publiek beroep op het spaarwezen heeft gedaan, opgericht op 10 juni 1964. De maatschappelijke zetel van de Vennootschap is gevestigd in de Septestraat 27, 2640 Mortsel, België.
De volledige en becommentarieerde financiële gegevens zijn beschikbaar op de website, www.agfa.com, of verkrijgbaar bij de Vennootschap.
Informatie met betrekking tot de milieuaspecten is terug te vinden in het duurzaamheidsverslag van de Groep dat om de twee jaar gepubliceerd wordt en waarvan – naast een korte samenvatting in dit jaarverslag – eveneens een jaarlijkse update op de website gepubliceerd wordt.
De statuten van de Vennootschap liggen ter inzage bij de Griffie van de Rechtbank van Koophandel van Antwerpen (België) en op de maatschappelijke zetel. Ze zijn ook terug te vinden op de website, www.agfa.com.
Het Corporate Governance Charter en de Verhandelingscode (Code of Dealing) kunnen worden geraadpleegd op de Investor Relations pagina van de website, www.agfa.com.
De jaarrekeningen worden neergelegd bij de Nationale Bank van België. De jaarrekeningen worden elk jaar, samen met de bijbehorende verslagen, toegezonden aan de aandeelhouders op naam en een ieder die erom verzoekt.
De Jaarlijkse Financiële Verslagen, met het Jaarverslag, de statutaire en geconsolideerde jaarrekening, inclusief het verslag van de commissaris, zijn consulteerbaar op de website www.agfa.com en kunnen worden ingezien op de maatschappelijke zetel.
De oproeping voor de Algemene Aandeelhoudersvergaderingen wordt gepubliceerd in de financiële pers en is tevens beschikbaar op de website. In zake financiële berichtgeving worden de financiële resultaten en de overige verplichte informatie gepubliceerd op de website van de Vennootschap, in overeenstemming met de richtlijnen van de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA).
De besluiten betreffende de benoeming en het ontslag van de leden van de Raad van Bestuur worden bekendgemaakt in de Bijlagen tot het Belgisch Staatsblad.
Iedere geïnteresseerde kan zich gratis registreren op www. agfa.com om de persberichten en de verplichte financiële informatie per e-mail te ontvangen.
Het Jaarverslag is op de website, www.agfa.com, beschikbaar in het Nederlands en het Engels.
HET BENOEMINGS- EN REMUNERATIECOMITÉ (BRC) KOMT MINIMUM DRIE (3) KEER PER JAAR SAMEN OM O.M. VOORSTELLEN AAN DE RAAD VAN BESTUUR UIT TE WERKEN OVER HET REMUNERATIEBELEID EN -NIVEAU VOOR BESTUURDERS EN LEDEN VAN HET EXECUTIVE MANAGEMENT.
De remuneratiecriteria beogen het aantrekken, behouden en motiveren van Bestuurders en leden van het Executive Management die voldoen aan het profiel bepaald door de Raad van Bestuur.
De remuneratie van de niet-uitvoerende Bestuurders houdt rekening met hun algemene rol van lid van de Raad van Bestuur en met specifieke rollen als Voorzitter van de Raad van Bestuur, Voorzitter of lid van een Comité van de Raad van Bestuur, evenals hun verantwoordelijkheden en tijdsbesteding die daaruit voortvloeien.
Het BRC bepaalt het niveau en de structuur van de remuneratie van de leden van het Executive Management in functie van het aantrekken, behouden en motiveren van gekwalificeerde en deskundige professionelen, rekening houdend met de aard en draagwijdte van hun individuele verantwoordelijkheden.
Het huidige beleid wordt in extenso beschreven in het Corporate Governance Charter (onder items 3.8 en 4.7). Er zijn geen plannen om in de volgende twee jaar belangrijke wijzigingen in dit beleid door te voeren.
Er is geen automatische aanpassing van de vergoedingen voorzien, doch ze worden regelmatig herbekeken om na te gaan of ze nog conform zijn aan het beleid. De laatste aanpassing voor de leden van de Raad van Bestuur dateert van de Jaarvergadering van 2006. De vergoeding van de Voorzitter werd vastgelegd bij zijn benoeming in 2008.
Er wordt een vaste jaarlijkse standaardvergoeding voorzien die verschilt voor de vergaderingen van de Raad van Bestuur enerzijds en de vergaderingen van de Comités anderzijds. Tevens wordt er een onderscheid gemaakt tussen de vergoeding van de Voorzitter en deze van de leden. Deze vergoeding dekt een vooraf bepaald aantal vergaderingen. Bij overschrijding op individuele basis, wordt er een bijkomende vergoeding per bijkomende vergadering voorzien.
Volgende jaarlijkse vaste standaardvergoedingen worden voorzien:
| RAAD VAN BESTUUR (VOOR MAXIMAAL ZEVEN VERGADERINGEN PER KALENDERJAAR) | |
|---|---|
| VOORZITTER1 | 180.000 EURO |
| LEDEN | 50.000 EURO |
| AC (VOOR MAXIMAAL VIJF VERGADERINGEN PER KALENDERJAAR) | |
| VOORZITTER | 25.000 EURO |
| LEDEN | 12.500 EURO |
| BRC (VOOR MAXIMAAL DRIE VERGADERINGEN PER KALENDERJAAR) | |
| VOORZITTER | 15.000 EURO |
| LEDEN | 7.500 EURO |
| SC |
| VOORZITTER | GEEN VERGOEDING VOORZIEN |
|---|---|
| LEDEN | GEEN VERGOEDING VOORZIEN |
(1) DEZE VERGOEDING IS ALLESOMVATTEND; ZE OMVAT OOK DE VERGOEDING VOOR HET MANDAAT IN HET BRC EN HET SC ALSOOK EVENTUELE BIJKOMENDE VASTE VERGOEDINGEN ZOALS VAN TOEPASSING BIJ OVERSCHRIJDING VAN HET MAXIMUM AANTAL VERGADERINGEN.
• van 2.500 euro voor elke vergadering bovenop het maximale aantal van zeven, vijf of drie per kalenderjaar, afhankelijk of het de vaste vergoeding voor de Raad van Bestuur, het AC of BRC betreft.
58
De jaarlijkse individuele remuneratie toegekend aan de leden van de Raad van Bestuur (zowel uitvoerende als nietuitvoerende) voor de uitoefening van hun mandaat in 2011 is als volgt:
| EURO | RAAD VAN BESTUUR | COMITÉS | TOTAAL |
|---|---|---|---|
| DHR. MICHEL AKKERMANS1 | 52.500,00 | 7.500,00 | 60.000,00 |
| DHR. CHRISTIAN REINAUDO2 | 52.500,00 | 0,00 | 52.500,00 |
| DHR. JO CORNU3 | 52.500,00 | 20.000,00 | 72.500,00 |
| DHR. JULIEN DE WILDE4 | 180.000,00 | 0,00 | 180.000,00 |
| DHR. WILLY DURON | 52.500,00 | 25.000,00 | 77.500,00 |
| DHR. HORST HEIDSIECK5 | 50.000,00 | 12.500,00 | 62.500,00 |
| DHR. ROLAND JUNCK | 50.000,00 | 12.500,00 | 62.500,00 |
| DHR. CHRISTIAN LEYSEN | 52.500,00 | 15.000,00 | 67.500,00 |
| TOTAAL | 542.500,00 | 92.500,00 | 635.000,00 |
(1) VASTE VERTEGENWOORDIGER VOOR PAMICA NV.
(2) UITVOEREND BESTUURDER EN VASTE VERTEGENWOORDIGER VOOR CRBA MANAGEMENT BVBA.
(3) VASTE VERTEGENWOORDIGER VOOR MERCODI BVBA.
(4) VASTE VERTEGENWOORDIGER VOOR DE WILDE J MANAGEMENT BVBA.
(5) VASTE VERTEGENWOORDIGER VOOR VALUE CONSULT MANAGEMENT- UND UNTERNEHMENSBERATUNGSGESELLSCHAFT MBH.
De Raad van Bestuur heeft na de Jaarvergadering van 27 april 2010 CRBA Management BVBA, vertegenwoordigd door de heer Christian Reinaudo, aangesteld als Gedelegeerd Bestuurder/CEO.
De overeenkomst met CRBA Management BVBA voorziet geen automatische aanpassing. Deze vergoeding wordt regelmatig herbekeken om na te gaan of ze nog conform is aan het beleid. De vaste jaarlijkse vergoeding van de CEO, CRBA Management BVBA, vertegenwoordigd door de heer Christian Reinaudo, werd vastgelegd op 1.136.800 euro. Deze vergoeding bevat ook bestuurdersvergoedingen van de heer Reinaudo, vanwege mandaten in enkele Agfa-dochtermaatschappijen. Er werd eveneens een jaarlijkse variabele vergoeding 'on target' voorzien van 435.500 euro.
De variabele vergoeding is afhankelijk van de volgende parameters:
Voor 2011 bedraagt de CEO-vergoeding:
Voor de CEO werden geen pensioen- of groepsverzekeringsbijdragen betaald.
De cash component van de variabele vergoeding werd volledig verdiend op korte termijn (ten hoogste één jaar).
Er is geen automatische aanpassing van de vergoedingen voorzien, wel worden deze vergoedingen regelmatig herbekeken om na te gaan of ze nog conform zijn aan het beleid. De globale vaste brutoremuneratie voor het Exco (met inbegrip van de heer Luc Thijs voor de periode april – december) bedroeg in 2011 1.855.801,00 euro (exclusief patronale sociale bijdragen).
De totale jaarlijkse 'on target' variabele vergoeding bedroeg 913.826,00 euro, en bedraagt in de regel 50% van de vaste brutovergoeding en, bijgevolg, ongeveer 25% van de totale jaarlijkse remuneratie.
De variabele vergoeding is afhankelijk van de volgende parameters:
Voor 2011 bedraagt de globale variabele vergoeding 719.666,25 euro (exclusief patronale sociale bijdragen). Deze vergoeding wordt gedeeltelijk, afhankelijk van hun persoonlijke situatie, omgezet in een pensioenpremie.
Voor de leden van het Exco werden pensioenbijdragen betaald voor een bedrag van 416.086,13 euro en 48.000,03 euro onder de vorm van voordelen in natura.
De cash component van de variabele vergoeding werd volledig verdiend op korte termijn (ten hoogste één jaar).
De voordelen in natura, die kunnen verschillen van lid tot lid, omvatten: een home PC, een bedrijfswagen, een representatievergoeding en diverse verzekeringen (bestuurdersaansprakelijkheid, reisbijstand, hospitalisatie, privéongevallen).
Er werden in 2011 geen opzegvergoedingen betaald aan het Executive Management.
Er is in de overeenkomsten met de leden van het Executive Management geen contractueel terugvorderingsrecht voorzien van de variabele verloning die wordt toegekend op basis van onjuiste financiële gegevens.
Er werden noch aan de CEO, noch aan de leden van het Exco, aandelen toegekend als onderdeel van hun remuneratie.
Voor 2011 heeft de Raad van Bestuur ervoor geopteerd, zoals in vorige jaren, geen opties aan het Executive Management toe te kennen.
Het aantal aandelenopties of andere rechten om aandelen te verwerven dat werd toegekend aan de leden van het Executive Management, bedraagt per eind 2011:
| 2003 | 2005 | 2006 | TOTAAL | |
|---|---|---|---|---|
| UITOEFENPRIJS (EURO) | 18,27 | 22,57 | 18,60 | |
| DHR. ALBERT FOLLENS | 16.350 | 22.000 | 24.000 | 62.350 |
| DHR. STEFAAN VANHOOREN | 8.650 | 22.000 | 30.000 | 60.650 |
| TOTAAL | 25.000 | 44.000 | 54.000 | 123.000 |
Er werd in 2011 ook geen andere 'Long Term Incentive' aan het Executive Management toegekend.
De bepalingen in verband met verbreking in de contracten van de verschillende leden van het uitvoerend management, kunnen als volgt samengevat worden:
De Raad van Bestuur kan de benoeming van CRBA Management BVBA, vertegenwoordigd door de heer C. Reinaudo, met onmiddellijke ingang intrekken. In dat geval heeft CRBA Management BVBA recht op een schadevergoeding gelijk aan zes maanden remuneratie (negen maanden vanaf 1 januari 2013). Het bedrag is te berekenen op basis van het vaste loon dat CRBA Management BVBA en de heer Christian Reinaudo jaarlijks wereldwijd van de Agfa Groep bekomen, met uitzondering van enige bestuurdersvergoeding betaald door Agfa-Gevaert NV aan CRBA Management BVBA of aan de heer Reinaudo. Indien er een intrekking van benoeming zou gebeuren op basis van een ernstige fout (vastgesteld en bevestigd via een bepaalde interne procedure van de Raad van Bestuur), is er geen schadevergoeding verschuldigd.
In het geval van een beëindiging van het contract door de onderneming (en met uitzondering van een ernstige fout), hebben de heren Hoornaert en Thijs recht op een opzegtermijn berekend conform het minimum in art. 82§5 van de wet van 3 juli 1978 (3 maanden per 5 jaar anciënniteit, met een minimum van 12 maanden voor de heer Hoornaert).
De heer Vanhooren heeft geen expliciete contractuele verbrekingclausule en valt onder de toepassing van de algemene Belgische wetgeving terzake.
In het geval van een beëindiging van het contract door de onderneming (en met uitzondering van een ernstige fout), heeft de heer Delagaye recht op een opzegtermijn berekend op basis van een zeker schema. Dit schema voorziet in een minimale opzegtermijn van 6 maanden en een maximum van 15 maanden bij pensionering.
In de gevallen dat ze zich dienen te houden aan het contractuele niet-concurrentiebeding, hebben de heren Hoornaert, Vanhooren, Delagaye en Thijs bovendien recht op een bijkomende schadevergoeding gelijk aan 75% van de brutoremuneratie voor de 12 maanden van het nietconcurrentiebeding.
Gezien de heer Follens op 29 februari 2012 met pensioen ging, is informatie met betrekking tot de verbreking van het contract voor hem niet meer relevant.
De Raad van Bestuur en het Executive Management van Agfa-Gevaert NV, vertegenwoordigd door de heer Julien De Wilde, Voorzitter van de Raad van Bestuur, de heer Christian Reinaudo, President en Chief Executive Officer, en de heer Kris Hoornaert, Chief Financial Officer, verklaren hierbij dat, voor zover hen bekend,
De toelichtingen maken integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.
62
NOTES TO THE CONSOLIDATED FINANCIAL STATEMENTS AGFA-GEVAERT GROEP GECONSOLIDEERDE WINST- EN VERLIESREKENING
| MILJOEN EURO | TOELICHTING | 2011 | 2010 |
|---|---|---|---|
| OPBRENGSTEN | 5 | 3.023 | 2.948 |
| KOSTPRIJS VAN DE VERKOPEN | (2.181) | (1.950) | |
| BRUTOWINST | 842 | 998 | |
| VERKOOPKOSTEN | (388) | (394) | |
| KOSTEN VAN ONDERZOEK EN ONTWIKKELING | (162) | (153) | |
| ALGEMENE BEHEERSKOSTEN | (197) | (214) | |
| OVERIGE BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 9 | 266 | 336 |
| OVERIGE BEDRIJFSKOSTEN | 10 | (325) | (339) |
| WINST UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 5 | 36 | 234 |
| FINANCIERINGSBATEN (-KOSTEN) - NETTO | (12) | (11) | |
| FINANCIERINGSBATEN | 11 | 3 | 3 |
| FINANCIERINGSKOSTEN | 11 | (15) | (14) |
| OVERIGE FINANCIERINGSBATEN (-KOSTEN) - NETTO | (72) | (83) | |
| OVERIGE FINANCIERINGSBATEN | 11 | 153 | 316 |
| OVERIGE FINANCIERINGSKOSTEN | 11 | (225) | (399) |
| NETTOFINANCIERINGSKOSTEN | (84) | (94) | |
| WINST (VERLIES) VOOR BELASTINGEN | (48) | 140 | |
| WINSTBELASTINGEN | 12 | (23) | (36) |
| WINST (VERLIES) OVER HET BOEKJAAR | (71) | 104 | |
| WINST (VERLIES) TOEWIJSBAAR AAN: | |||
| AANDEELHOUDERS VAN DE ONDERNEMING | (73) | 105 | |
| MINDERHEIDSBELANGEN | 2 | (1) |
| GEWONE WINST PER AANDEEL (EURO) | 28 | (0,44) | 0,80 |
|---|---|---|---|
| VERWATERDE WINST PER AANDEEL (EURO) | 28 | (0,44) | 0,80 |
AGFA-GEVAERT GROEP GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| WINST (VERLIES) OVER HET BOEKJAAR | (71) | 104 |
| NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | ||
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN: | 13 | 68 |
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN VOOR BUITENLANDSE ACTIVITEITEN | 15 | 75 |
| NETTOVERLIES OP DE AFDEKKING VAN DE NETTO-INVESTERING | ||
| IN EEN BUITENLANDSE ACTIVITEIT | (3) | (7) |
| WINSTBELASTING OP HET NETTOVERLIES OP DE AFDEKKING VAN | ||
| DE NETTO-INVESTERING IN EEN BUITENLANDSE ACTIVITEIT | 1 | - |
| KASSTROOMAFDEKKINGEN: | (9) | - |
| EFFECTIEF DEEL VAN VERANDERINGEN IN DE | ||
| REËLE WAARDE VAN KASSTROOMAFDEKKINGEN | (7) | - |
| NETTOVERANDERING IN DE REËLE WAARDE VAN KASSTROOMAFDEKKINGEN | ||
| DIE IS OVERGEBOEKT NAAR DE WINST- EN VERLIESREKENING | (6) | - |
| WINSTBELASTINGEN | 4 | - |
| FINANCIËLE ACTIVA BESCHIKBAAR VOOR VERKOOP: | (1) | - |
| REËLE WAARDEVERANDERINGEN VAN | ||
| FINANCIËLE ACTIVA BESCHIKBAAR VOOR VERKOOP | (1) | - |
| WINSTBELASTINGEN | - | - |
| NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN OVER HET BOEKJAAR, | ||
| NA WINSTBELASTINGEN: | 3 | 68 |
| TOTAAL VAN GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE | ||
| RESULTATEN TOEWIJSBAAR AAN: | (68) | 172 |
| AANDEELHOUDERS VAN DE ONDERNEMING | (73) | 172 |
| MINDERHEIDSBELANGEN | 5 | - |
| MILJOEN EURO | TOELICHTING | 31 DEC. 2011 | 31 DEC. 2010 |
|---|---|---|---|
| ACTIVA | |||
| VASTE ACTIVA | 1.221 | 1.253 | |
| IMMATERIËLE ACTIVA | 13 | 681 | 680 |
| MATERIËLE VASTE ACTIVA | 14 | 301 | 313 |
| INVESTERINGEN | 15 | 15 | 14 |
| UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN | 12 | 224 | 246 |
| VLOTTENDE ACTIVA | 1.728 | 1.833 | |
| VOORRADEN | 16 | 639 | 583 |
| HANDELSVORDERINGEN | 17 | 672 | 619 |
| ACTUELE BELASTINGVORDERINGEN | 82 | 68 | |
| OVERIGE VORDERINGEN EN OVERIGE VLOTTENDE ACTIVA | 17 | 214 | 295 |
| OVERLOPENDE REKENINGEN | 20 | 19 | |
| DERIVATEN | 7 (E) | 1 | 10 |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | 18 | 100 | 239 |
| TOTAAL ACTIVA | 2.949 | 3.086 | |
| EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | |||
| EIGEN VERMOGEN | 19 | 995 | 1.063 |
| TOEWIJSBAAR AAN AANDEELHOUDERS | |||
| VAN DE ONDERNEMING | 960 | 1.033 | |
| MAATSCHAPPELIJK KAPITAAL | 187 | 187 | |
| UITGIFTEPREMIES | 210 | 210 | |
| INGEHOUDEN WINSTEN | 642 | 703 | |
| RESERVES | (90) | (68) | |
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 11 | 1 | |
| TOEWIJSBAAR AAN MINDERHEIDSBELANGEN | 35 | 30 | |
| LANGLOPENDE VERPLICHTINGEN | 988 | 1.053 | |
| VERPLICHTINGEN WEGENS VERGOEDINGEN | |||
| NA INDIENSTTREDING | 20 | 542 | 559 |
| OVERIGE PERSONEELSBELONINGEN | 13 | 14 | |
| RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN | 21 | 352 | 379 |
| VOORZIENINGEN | 22 | 25 | 24 |
| OVERLOPENDE REKENINGEN | 4 | 6 | |
| UITGESTELDE BELASTINGVERPLICHTINGEN | 12 | 52 | 71 |
| KORTLOPENDE VERPLICHTINGEN | 966 | 970 | |
| RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN | 21 | 15 | 21 |
| VOORZIENINGEN | 22 | 223 | 200 |
| HANDELSSCHULDEN | 23 | 275 | 246 |
| UITGESTELDE OPBRENGSTEN & VOORUITBETALINGEN | 24 | 145 | 152 |
ACTUELE BELASTINGVERPLICHTINGEN 47 50 OVERIGE TE BETALEN POSTEN 23 149 182 PERSONEELSBELONINGEN 94 114 OVERLOPENDE REKENINGEN 4 4 DERIVATEN 7 (E) 14 1
TOTAAL EIGEN VERMOGEN & VERPLICHTINGEN 2.949 3.086
NOTES TO THE CONSOLIDATED FINANCIAL STATEMENTS AGFA-GEVAERT GROEP GECON-SOLIDEERDE BALANS
AGFA-GEVAERT GROUP GECONSOLIDEERD MUTATIE-OVERZICHT VAN HET EIGEN VERMOGEN
| TOEWIJSBAAR AAN AANDEELHOUDERS VAN DE ONDERNEMING | ||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| TOEWIJSBAAR AAN MINDERHEIDSBELANGEN | ||||||||||||
| MAATSCHAPPELIJK KAPITAAL | UITGIFTEPREMIE | INGEHOUDEN WINSTEN | EIGEN AANDELEN | REËLE WAARDE RESERVE | RESERVE VOOR OP AANDELEN GEBASEERDE BETALINGEN |
AFDEKKINGSRESERVE | VALUTAKOERSVERSCHILLEN | TOTAAL | TOTAAL EIGEN VERMOGEN | |||
| MILJOEN EURO | TOELICHTING | |||||||||||
| 1 JANUARI 2010 | 140 | 109 | 820 (296) | - | 12 | 2 | (66) | 721 | 3 | 724 | ||
| GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE | ||||||||||||
| RESULTATEN OVER HET BOEKJAAR | ||||||||||||
| WINST (VERLIES) OVER HET BOEKJAAR | - | - | 105 | - | - | - | - | - | 105 | (1) | 104 | |
| NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN, | ||||||||||||
| NA WINSTBELASTINGEN | 19 (I) | - | - | - | - | - | - | - | 67 | 67 | 1 | 68 |
| TOTAAL VAN GEREALISEERDE EN | ||||||||||||
| NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | ||||||||||||
| OVER HET BOEKJAAR | - | - | 105 | - | - | - | - | 67 | 172 | - | 172 | |
| TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS, | ||||||||||||
| RECHTSTREEKS VERWERKT IN HET EIGEN VERMOGEN | ||||||||||||
| WIJZIGINGEN IN EIGENDOMSBELANGEN | ||||||||||||
| IN DOCHTERONDERNEMINGEN | ||||||||||||
| WIJZIGINGEN IN EIGENDOMSBELANGEN IN | ||||||||||||
| DOCHTERONDERNEMINGEN DIE NIET RESULTEREN | ||||||||||||
| IN VERLIES VAN ZEGGENSCHAP | - | - | (5) | - | - | - | - | - | (5) | 28 | 23 | |
| BIJDRAGEN DOOR EN UITKERINGEN AAN AANDEELHOUDERS | ||||||||||||
| KAPITAALSVERHOGING | 19 (A) (B) | 47 | 101 | (3) | - | - | - | - | - | 145 | - | 145 |
| DIVIDENDUITKERINGEN | - | - | - | - | - | - | - | - | - | (1) | (1) | |
| VERNIETIGDE EIGEN AANDELEN IN VORIGE PERIODES | 19 (B) | - | - (214) | 214 | - | - | - | - | - | - | - | |
| TOTAAL VAN TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS, | ||||||||||||
| RECHTSTREEKS VERWERKT IN HET EIGEN VERMOGEN | 47 | 101 (222) | 214 | - | - | - | - | 140 | 27 | 167 | ||
| 31 DECEMBER 2010 | 19 (E) 187 | 210 | 703 | (82) | - | 12 | 2 | 1 | 1.033 | 30 1.063 | ||
| 1 JANUARI 2011 | 187 | 210 | 703 | (82) | - | 12 | 2 | 1 | 1.033 | 30 1.063 | ||
| GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE | ||||||||||||
| RESULTATEN OVER HET BOEKJAAR | ||||||||||||
| WINST (VERLIES) OVER HET BOEKJAAR | - | - | (73) | - | - | - | - | - | (73) | 2 | (71) | |
| NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | ||||||||||||
| NA WINSTBELASTINGEN | 19 (I) | - | - | - | - | (1) | - | (9) | 10 | - | 3 | 3 |
| TOTAAL VAN GEREALISEERDE EN | ||||||||||||
| NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN OVER HET BOEKJAAR | - | - | (73) | - | (1) | - | (9) | 10 | (73) | 5 | (68) | |
| TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS, | ||||||||||||
| RECHTSTREEKS VERWERKT IN HET EIGEN VERMOGEN | ||||||||||||
| BIJDRAGEN DOOR EN UITKERINGEN AAN AANDEELHOUDERS | ||||||||||||
| HERCLASSERING VAN OP AANDELEN GEBASEERDE | ||||||||||||
| BETALINGEN DIE IN VOORGAANDE BOEKJAREN | ||||||||||||
| ERKEND WERDEN IN DE WINST- EN VERLIESREKENING 19 (C) | - | - | 12 | - | - | (12) | - | - | - | - | - | |
| TOTAAL VAN TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS, | ||||||||||||
| RECHTSTREEKS VERWERKT IN HET | ||||||||||||
| EIGEN VERMOGEN | - | - | 12 | - | - | (12) | - | - | - | - | - | |
| 31 DECEMBER 2011 | 19 (E) 187 | 210 | 642 | (82) | (1) | - | (7) | 11 | 960 | 35 | 995 |
AGFA-GEVAERT GROEP GECONSOLIDEERD KASSTROOM-OVERZICHT
| MILJOEN EURO | TOELICHTING | 2011 | 2010 |
|---|---|---|---|
| WINST (VERLIES) OVER HET BOEKJAAR | (71) | 104 | |
| AANPASSINGEN VOOR: | |||
| AFSCHRIJVINGEN EN BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | 13/14 | 94 | 96 |
| WIJZIGINGEN IN DE REËLE WAARDE VAN DERIVATEN | 1 | - | |
| AANPASSING VOOR ANDERE NIET KASOPBRENGSTEN | (1) | (2) | |
| VERLIEZEN (WINSTEN) UIT DE VERKOOP VAN VASTE ACTIVA | 9/10 | (1) | (7) |
| BOEKWINST UIT EEN VOORDELIGE KOOP | 6 | - | (4) |
| NETTOFINANCIERINGSKOSTEN | 11 | 84 | 94 |
| WINSTBELASTINGEN | 12 | 23 | 36 |
| 129 | 317 | ||
| WIJZIGINGEN IN: | |||
| VOORRADEN | (38) | (34) | |
| HANDELSVORDERINGEN INBEGREPEN ONTVANGSTEN UIT | |||
| SECURITISATIE VAN HANDELSVORDERINGEN | 6 | 74 | |
| HANDELSSCHULDEN | 30 | (6) | |
| UITGESTELDE OPBRENGSTEN EN ONTVANGEN VOORUITBETALINGEN | (16) | 20 | |
| OVERIGE KORTLOPENDE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN | (43) | (3) | |
| LANGLOPENDE VOORZIENINGEN | (74) | (107) | |
| KORTLOPENDE VOORZIENINGEN | (2) | (1) | |
| KASSTROMEN UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | (8) | 260 | |
| BETAALDE BELASTINGEN | (19) | (25) | |
| NETTOKASSTROMEN UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | (27) | 235 | |
| ONTVANGEN RENTE | 3 | 3 | |
| ONTVANGEN DIVIDENDEN | - | - | |
| ONTVANGSTEN UIT DE VERKOOP VAN IMMATERIËLE ACTIVA | 13 | 4 | 3 |
| ONTVANGSTEN UIT DE VERKOOP VAN MATERIËLE VASTE ACTIVA | 14 | 5 | 6 |
| ONTVANGSTEN UIT DE VERKOOP VAN ACTIVA AANGEHOUDEN VOOR VERKOOP | - | 5 | |
| INVESTERINGEN IN IMMATERIËLE ACTIVA | 13 | (5) | (12) |
| INVESTERINGEN IN MATERIËLE VASTE ACTIVA | 14 | (55) | (48) |
| ONTVANGSTEN UIT DE LEASE PORTFOLIO | 4 | 32 | |
| OVERNAMES | 6 | (28) | (71) |
| ONTVANGSTEN UIT OVERIGE INVESTERINGSACTIVITEITEN | 1 | 6 | |
| NETTOKASSTROMEN UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN | (71) | (76) | |
| BETAALDE RENTE | (14) | (15) | |
| BETAALDE DIVIDENDEN | - | - | |
| KAPITAALBIJDRAGEN VAN DERDEN | - | 145 | |
| ONTVANGSTEN VAN LENINGEN | 21 (B) | 70 | - |
| TERUGBETALINGEN VAN LENINGEN | (93) | (176) | |
| OVERIGE FINANCIERINGSKASSTROMEN | (8) | (3) | |
| NETTOKASSTROMEN UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN | (45) | (49) | |
| NETTOWIJZIGING IN GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | (143) | 110 | |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN BIJ HET BEGIN VAN HET JAAR | 238 | 118 | |
| IMPACT VAN VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 3 | 10 | |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN PER EINDE BOEKJAAR | 18 | 98 | 238 |
Agfa-Gevaert NV (de 'Onderneming') is een onderneming die in België gedomicilieerd is. Het adres van de statutaire zetel van de Onderneming is Septestraat 27, 2640 Mortsel.
De geconsolideerde jaarrekening van de Groep over 2011 omvat de Onderneming en 109 geconsolideerde dochterondernemingen (2010: 114 geconsolideerde dochterondernemingen) waarover de Onderneming zeggenschap uitoefent. Investeringen in dochterondernemingen en investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode worden opgelijst in toelichting 29.
De voornaamste wijziging in de groepsstructuur heeft betrekking op de overname van WPD Informatica Ltda., één van de voornaamste gezondheidszorg-IT bedrijven in Brazilië. Met deze overname vervolledigt HealthCare haar aanbod op de Braziliaanse markt. Agfa's CIS toepassingen (ORBIS), die reeds in een 1.000-tal zorgcentra in Europa werden geïnstalleerd, worden aangevuld met één van de voornaamste HIS toepassingen van de lokale markt. Dit systeem zal Agfa's klanten een allesomvattend spectrum van medische informatie bieden. Meer informatie over deze overname wordt verstrekt in toelichting 6.
Bovendien herbekeek Agfa Graphics zijn functioneel model in Europa. Agfa Graphics NV blijft een juridische onderneming naar Belgisch recht, terwijl haar vroegere dochterondernemingen worden vervangen door vaste inrichtingen, onderworpen aan de locale wetgeving van de respectieve landen. Deze organisatorische verandering moet de groepstransacties en de beheerstructuur vereenvoudigen. De transformatie gebeurt geleidelijk en wordt verwacht voltooid te zijn in de loop van 2013. Tijdens 2011 werden de activiteiten van de volgende verkooporganisaties geïntegreerd in Agfa Graphics NV: Agfa Graphics Netherlands B.V., Agfa-Gevaert A/S (Denmark), Agfa Graphics Norway AS, Agfa Graphics Czech Republic S.r.o. en Agfa Graphics Portugal, Unipessoal Lda. Dit resulteerde in een daling van het aantal geconsolideerde dochterondernemingen.
De geconsolideerde jaarrekening werd opgemaakt overeenkomstig de International Financial Reporting Standards (IFRS) van de International Accounting Standards Board (IASB) zoals aangenomen door de Europese Unie op 31 december 2011.
Standaarden en interpretaties van de International Accounting Standards Board welke van toepassing zijn vanaf 1 januari 2011 werden voor de eerste maal toegepast maar hebben geen invloed gehad op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep.
De Groep heeft niet geopteerd voor een eerdere toepassing van IFRS-standaarden die nog niet van kracht waren in 2011. Meer informatie wordt verschaft in toelichting 4 Nieuwe standaarden en interpretaties van standaarden gepubliceerd, nog niet van kracht per einde boekjaar.
De geconsolideerde jaarrekening werd door de Raad van Bestuur voor publicatie vrijgegeven op 21 maart 2012.
Afhankelijk van de toepasselijke IFRS vereisten, is de basis voor waardering gebruikt bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening de historische kostprijs, de opbrengstwaarde, de reële waarde of de realiseerbare waarde. Indien IFRS voorziet in een keuze tussen historische kostprijs en een andere basis voor waardering, wordt de historische kostprijs toegepast.
De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro, wat de functionele munt is van de Onderneming. Alle financiële informatie is weergegeven in miljoen euro, afgerond naar het dichtstbijzijnde miljoen, tenzij anders aangeduid.
De opmaak van de geconsolideerde jaarrekening in overeenstemmingen met IFRSs vereist een zekere oordeelsvorming door het management en het gebruik van bepaalde schattingen en veronderstellingen. Deze kunnen een belangrijke impact hebben op de voorstelling van de financiële toestand en/of de resultaten van de activiteiten van de Groep. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden regelmatig beoordeeld maar kunnen van de actuele waarden afwijken.
De onderwerpen waarbij een hoge mate van oordeelsvorming is vereist of waarbij het gebruik van schattingen en veronderstellingen belangrijk is voor de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening worden hierna weergegeven met verwijzing naar de betreffende toelichting waar meer informatie wordt verstrekt.
| ONDERWERPEN DIE EEN HOGE MATE VAN OORDEELSVORMING, SCHATTINGEN EN | TOELICHTINGEN |
|---|---|
| VERONDERSTELLINGEN VEREISEN | |
| DE NETTO CONTANTE WAARDE VAN GESCHATTE TOEKOMSTIGE KASSTROMEN DIE | TOELICHTING 6 'OVERNAMES EN AFSTOTINGEN' |
| WORDT GEBRUIKT IN HET KADER VAN EEN BEDRIJFSCOMBINATIE EN BIJ HET TOETSEN | TOELICHTING 13 'IMMATERIËLE ACTIVA' |
| OP BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGEN. | |
| DE GEBRUIKSDUUR VAN IMMATERIËLE ACTIVA MET EEN BEPERKTE GEBRUIKSDUUR. | TOELICHTING 13 'IMMATERIËLE ACTIVA' |
| HET BEPALEN VAN DE WINSTBELASTING VAN DE GROEP EN MEER IN HET BIJZONDER | TOELICHTING 12 'WINSTBELASTINGEN' |
| VAN DE RECUPEREERBAARHEID VAN UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN. | |
| DE ACTUARIËLE VERONDERSTELLINGEN DIE GEBRUIKT WORDEN VOOR DE WAARDERING | TOELICHTING 20 'PERSONEELSBELONINGEN' |
| VAN 'VASTE DOEL' REGELINGEN. | |
| DE WAARDERING VAN VOORZIENINGEN EN VERBINTENISSEN EN BUITEN BALANS | TOELICHTING 22 'VOORZIENINGEN' |
| VERPLICHTINGEN MET BETREKKING TOT DE INSOLVENTIE VAN AGFAPHOTO GMBH. | TOELICHTING 26 'VERBINTENISSEN EN BUITEN |
| BALANS VERPLICHTINGEN' | |
| ERKENNING VAN DE OPBRENGSTEN VAN OVEREENKOMSTEN WAARIN MEERDERE | TOELICHTING 24 'UITGESTELDE OPBRENGSTEN |
| GOEDEREN EN / OF DIENSTEN SAMEN WORDEN AANGEBODEN AAN DE KOPER | EN VOORUITBETALINGEN' |
| ('MULTIPLE-ELEMENT ARRANGEMENTS'). |
Bedrijfscombinaties worden verwerkt volgens de overnamemethode op overnamedatum, zijnde de datum waarop de Groep zeggenschap verkrijgt over de overgenomen partij. Onder zeggenschap wordt verstaan dat de Onderneming het financiële en operationele beleid van de onderneming kan bepalen teneinde voordelen uit haar activiteiten te verwerven. Bij het bepalen van zeggenschap houdt de Groep rekening met potentiële stemrechten die uitoefenbaar zijn.
Goodwill wordt niet afgeschreven doch wordt jaarlijks op bijzondere waardevermindering getoetst, en elke keer wanneer er een aanwijzing bestaat dat de kasstroomgenererende eenheid waaraan goodwill werd toegerekend mogelijk een bijzondere waardevermindering heeft ondergaan. Het onderzoek van kasstroomgenererende eenheden op bijzondere waardevermindering wordt toegelicht in een daartoe voorziene rubriek van deze grondslagen.
Goodwill wordt gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Voor geassocieerde deelnemingen wordt het bedrag van de goodwill opgenomen in de boekwaarde van de investering.
Voor overnames op of na 1 januari 2010 wordt de goodwill op overnamedatum bepaald als:
Indien het belang van de Groep in de netto reële waarde van de identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen, de kostprijs van de bedrijfscombinatie overtreft dan wordt dit surplus onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen.
Voorwaardelijke verplichtingen worden opgenomen aan reële waarde op overnamedatum. Wijzigingen aan de reële waarde van voorwaardelijke verplichtingen worden geboekt in de winst- en verliesrekening.
Overnamekosten worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening geboekt.
Verwervingen van minderheidsbelangen worden verwerkt als verrichtingen met aandeelhouders in hun hoedanigheid als eigenaar en bijgevolg wordt geen goodwill tot uitdrukking gebracht. Aanpassingen aan minderheidsbelangen als gevolg van verrichtingen die niet leiden tot een verlies van zeggenschap zijn gebaseerd op een proportioneel aandeel in het netto actief van de dochteronderneming.
Dochterondernemingen zijn deze entiteiten waarover de Onderneming zeggenschap uitoefent. Onder zeggenschap wordt verstaan dat de Onderneming, rechtstreeks of onrechtstreeks, het financiële en operationele beleid van een onderneming kan bepalen teneinde voordelen uit haar activiteiten te verwerven. De jaarrekeningen van de dochterondernemingen worden in de consolidatiekring opgenomen vanaf de datum van verwerving tot het einde van de zeggenschap.
Wijzigingen in het eigendomsbelang van een moedermaatschappij in een dochteronderneming die niet tot een verlies van zeggenschap leiden, worden verwerkt als eigen-vermogenstransacties (d.w.z. transacties van aandeelhouders in hun hoedanigheid van eigenaar).
In dergelijke omstandigheden moeten de boekwaarden van de meerderheids- en minderheidsbelangen worden aangepast om de wijzigingen in hun relatieve belangen in de dochteronderneming weer te geven. Elk eventueel verschil tussen het bedrag waarmee de minderheidsbelangen worden aangepast en de reële waarde van de ontvangen of betaalde vergoeding, moet rechtstreeks in het eigen vermogen worden verwerkt en aan de aandeelhouders van de moedermaatschappij worden toegewezen.
Wanneer een moedermaatschappij de zeggenschap over een dochteronderneming verliest, dan neemt ze op de datum waarop ze de zeggenschap verliest de boekwaarde van de activa en verplichtingen van de dochteronderneming evenals de boekwaarde van minderheidsbelangen in de voormalige dochteronderneming (met inbegrip van aan die minderheidsbelangen toerekenbare componenten van niet-gerealiseerde resultaten) niet langer in de balans op. Elk verschil dat voortvloeit uit een verlies van zeggenschap wordt als een winst of verlies opgenomen. Elke investering die de Groep aanhoudt in de voormalige dochteronderneming wordt opgenomen aan reële waarde op de datum van verlies van zeggenschap. Na eerste opname wordt de investering, afhankelijk van het deelnemingspercentage, verwerkt volgens de 'equity'-methode of als een financieel actief beschikbaar voor verkoop.
Een geassocieerde deelneming is een entiteit, waarin de Onderneming invloed van betekenis heeft en die geen dochteronderneming of belang in een joint venture is. Als de Onderneming tussen 20 procent en 50 procent van de stemrechten van de deelneming aanhoudt, wordt verondersteld dat de Onderneming invloed van betekenis heeft. Volgens de 'equity'-methode wordt de investering in een geassocieerde deelneming bij eerste opname gewaardeerd aan de kostprijs. De kostprijs van de investering omvat transactiekosten. Een investering in een geassocieerde deelneming wordt verwerkt volgens de 'equity' methode vanaf de datum waarop de investering een geassocieerde deelneming wordt. Bij de verwerving van de investering wordt een eventueel verschil tussen de kostprijs van de investering en het aandeel van de Onderneming in de netto reële waarde van de identificeerbare activa en verplichtingen van de geassocieerde deelneming als volgt verwerkt:
i. goodwill die betrekking heeft op een geassocieerde deelneming wordt opgenomen in de boekwaarde van de investering;
ii. elk surplus van het aandeel van de investeerder in de netto reële waarde van de identificeerbare activa en verplichtingen van de geassocieerde deelneming ten opzichte van de kostprijs van de investering wordt als bate opgenomen bij de bepaling van het aandeel van de investeerder in de winst of het verlies van de geassocieerde deelneming tijdens de periode waarin de investering is verworven.
Wanneer er indicatie bestaat om een bijzonder waardeverminderingsverlies met betrekking tot een investering in een geassocieerde deelneming op te nemen, zijn de grondslagen voor financiële verslaggeving met betrekking tot bijzondere waardeverminderingsverliezen van toepassing.
Winsten en verliezen die voortvloeien uit 'upstream'- en 'downstream'-transacties tussen de Onderneming (met inbegrip van zijn geconsolideerde dochterondernemingen) en een geassocieerde deelneming worden alleen in de jaarrekening van de Onderneming geëlimineerd ten belope van het belang van de Onderneming in de geassocieerde deelneming. Een voorbeeld van een 'upstream'-transactie is de verkoop van activa van een geassocieerde deelneming aan de Onderneming. Een voorbeeld van een 'downstream'-transactie is de verkoop van activa van de Onderneming aan een geassocieerde deelneming.
Vanaf de datum waarop de Onderneming invloed van betekenis over de geassocieerde deelneming verliest, wordt betreffende investering verwerkt conform IAS 39. Bij verlies van invloed van betekenis, waardeert de Onderneming de investering in voormalige geassocieerde deelneming aan de reële waarde. De Onderneming erkent in de winst- en verliesrekening alle verschillen tussen:
Een 'joint venture' is een contractuele overeenkomst waarbij twee of meer partijen een economische activiteit aangaan waarover zij gezamenlijke zeggenschap hebben.
Een deelnemer in een joint venture neemt zijn belang in een entiteit waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend op aan kostprijs volgens de 'equity'-methode. De kostprijs van de deelneming omvat transactiekosten.
Met betrekking tot belangen in bedrijfsactiviteiten waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend, neemt elke deelnemer het volgende op in zijn jaarrekening:
Alle intragroepsaldi en -transacties, met inbegrip van niet-gerealiseerde resultaten op intragroeptransacties en -dividenden, worden bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening geëlimineerd. Winsten en verliezen uit transacties binnen de Groep die zijn opgenomen in de activa, zoals voorraden en vaste activa, worden volledig geëlimineerd. Niet-gerealiseerde winsten uit hoofde van transacties met investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode worden geëlimineerd naar rato van het belang dat de Groep in de investering heeft. Niet-gerealiseerde verliezen worden op dezelfde wijze geëlimineerd als niet-gerealiseerde winsten, maar alleen voor zover er geen aanwijzing is voor een bijzondere waardevermindering.
Elementen opgenomen in de jaarrekening van de entiteiten van de Groep worden gewaardeerd in de valuta van de primaire economische omgeving waarin de entiteit actief is (de functionele valuta). De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro die de functionele valuta en presentatievaluta van de Onderneming is.
Transacties in vreemde valuta worden omgerekend in de functionele valuta op basis van de wisselkoers die geldt op de transactiedatum. Valutakoersverschillen die ontstaan uit de afwikkeling van dergelijke transacties en uit de omrekening op basis van de slotkoers van monetaire activa en verplichtingen uitgedrukt in vreemde valuta worden in de winst- en verliesrekening opgenomen. Niet-monetaire posten die in vreemde valuta luiden en tegen historische kostprijs worden gewaardeerd, worden omgerekend op basis van de wisselkoers die geldt op transactiedatum.
Een buitenlandse activiteit is een entiteit die een dochteronderneming, geassocieerde deelneming, joint venture of filiaal van de verslaggevende entiteit is en waarvan de activiteiten zijn gebaseerd of worden uitgevoerd in een andere valuta dan euro.
De resultaten en financiële positie van al de groepsondernemingen worden voor consolidatiedoeleinden omgerekend in de presentatievaluta op de volgende wijze:
Alle resulterende valutakoersverschillen worden als een afzonderlijke component in het eigen vermogen opgenomen. Het bedrag dat toewijsbaar is aan minderheidsbelangen wordt opgenomen als deel van de minderheidsbelangen.
Bij het afstoten van een buitenlandse activiteit moet het cumulatieve bedrag van de wisselkoersverschillen dat verband houdt met die buitenlandse activiteit, opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten en verwerkt in de afzonderlijke component van het eigen vermogen, worden overgeboekt van het eigen vermogen naar de winst of het verlies (als een herclassificatieaanpassing) wanneer de winst of het verlies op de afstoting wordt opgenomen. Bij de afstoting van een dochteronderneming, wordt het cumulatieve bedrag van de wisselkoersverschillen dat voordien aan de minderheidsbelangen werd toegewezen, niet langer als deel van de minderheidsbelangen getoond maar opgenomen in mindering van de ingehouden winsten.
Bij gedeeltelijke afstoting van een dochteronderneming die een buitenlandse activiteit omvat, moet de entiteit het evenredige deel van het cumulatieve bedrag van de wisselkoersverschillen dat in niet-gerealiseerde resultaten is opgenomen, opnieuw toerekenen aan de minderheidsbelangen in die buitenlandse activiteit. Bij elke andere gedeeltelijke afstoting van een buitenlandse activiteit moet de entiteit alleen het evenredige deel van het cumulatieve bedrag van de wisselkoersverschillen dat in niet-gerealiseerde resultaten is opgenomen, overboeken naar de winst of het verlies.
Naast de afstoting van het volledige belang in een buitenlandse activiteit, worden de volgende zaken administratief verwerkt als afstotingen, met uitzondering van belangenverminderingen die leiden tot:
Deze partiële afnamen van belangen in buitenlandse activiteiten worden administratief verwerkt als afstotingen wat leidt tot een herclassificatieaanpassing van de valutakoersverschillen op deze buitenlandse activiteiten van het eigen vermogen naar de winst- en verliesrekening.
Wanneer een verplichting uitgedrukt in vreemde valuta toegewezen wordt als afdekking van de netto-investering in een buitenlandse entiteit, worden de valutakoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van deze verplichting naar de functionele valuta, opgenomen in het eigen vermogen.
Wanneer een derivaat toegewezen wordt als afdekking van een netto-investering in een buitenlandse entiteit, wordt het effectief deel van de winst of het verlies op het afdekkinginstrument rechtstreeks opgenomen in het eigen vermogen; het ineffectief deel wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Financiële instrumenten omvatten een breed gamma aan financiële activa en verplichtingen. Zij omvatten zowel niet-afgeleide financiële instrumenten zoals geldmiddelen, vorderingen, investeringen in obligaties en aandelen als derivaten.
Leningen en vorderingen worden in de balans opgenomen op het moment dat ze geïnitieerd worden. Alle andere financiële activa neemt de Groep op in haar balans op de transactiedatum, op het moment dat de Groep zich verbindt aan de contractuele bepalingen van het instrument.
De Groep neemt een financieel actief niet langer in de balans op vanaf het moment dat de contractuele rechten op de kasstromen uit het financieel actief aflopen of de Groep de contractuele rechten op de ontvangst van de kasstromen uit het financieel actief overdraagt in een transactie waarbij de risico's en voordelen van eigendom van het financieel actief overgedragen worden. Indien de entiteit nagenoeg alle risico's en voordelen van eigendom van het financieel actief noch overdraagt, noch behoudt moet de entiteit vaststellen of zij zeggingschap over het financieel actief heeft behouden. In geval van verlies van zeggingschap mag de entiteit het financieel actief niet langer in de balans opnemen.
Financiële activa en verplichtingen worden netto in de balans opgenomen, uitsluitend wanneer de Groep beschikt over een wettelijk recht om de bedragen netto voor te stellen en zij de intentie heeft om de betreffende activa en verplichtingen hetzij gelijktijdig hetzij netto af te wikkelen.
De Groep classificeert financiële activa in de volgende vier categorieën: financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening, tot einde looptijd aangehouden beleggingen, leningen en vorderingen en voor verkoop beschikbare financiële activa.
a. Financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening Een financieel actief wordt geclassificeerd als gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening als het wordt aangehouden voor handelsdoeleinden of als het bij eerste opname als dusdanig is aangemerkt. Niet-afgeleide financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening omvatten investeringen in beleggingsfondsen.
De beleggingen van de Groep in waardepapieren met vaste of bepaalbare betalingen en een vaste looptijd worden door de Groep geclassificeerd in de categorie tot einde looptijd aangehouden financiële activa, op voorwaarde dat de Groep het uitdrukkelijke voornemen heeft deze beleggingen aan te houden tot einde looptijd.
Bij eerste opname worden deze financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde inclusief direct toewijsbare transactiekosten. Na eerste opname worden tot einde looptijd aangehouden beleggingen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs volgens de effectieve rentemethode, verminderd met bijzondere waardeverminderingsverliezen (zie toelichting 3 (G)). Tot einde looptijd aangehouden beleggingen omvatten zowel korte termijn beleggingen in waardepapieren die onder 'Geldmiddelen en kasequivalenten' worden getoond als lange termijn beleggingen in waardepapieren opgenomen onder de 'Investeringen'.
Leningen en vorderingen zijn niet-afgeleide financiële activa met vaste of bepaalbare betalingen die niet op een actieve markt zijn genoteerd. Deze financiële activa worden bij eerste opname gewaardeerd tegen reële waarde inclusief direct toewijsbare transactiekosten. Na eerste opname worden leningen en vorderingen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs volgens de effectieve rentemethode, verminderd met bijzondere waardeverminderingsverliezen (zie toelichting 3 (G)). Leningen en vorderingen omvatten zowel handelsvorderingen, invorderbare minimale leasebetalingen, geldmiddelen en korte termijn deposito's en cheques als leningen en vorderingen die opgenomen zijn onder investeringen. Geldmiddelen en kasequivalenten opgenomen in de categorie leningen en vorderingen omvatten geldmiddelen, deposito's en cheques met een looptijd die doorgaans korter is dan drie maanden te rekenen vanaf de datum van verwerving, waarvoor het risico op veranderingen in de reële waarde onbelangrijk is. De Groep gebruikt deze financiële activa in het kader van haar korte termijn verplichtingen.
Voor verkoop beschikbare financiële activa zijn niet-afgeleide financiële activa die worden aangemerkt als voor verkoop beschikbaar en die niet worden geclassificeerd in één van de voorgaande categorieën. Voor verkoop beschikbare financiële activa worden gewaardeerd tegen reële waarde. Voor verkoop beschikbare financiële activa worden gewaardeerd aan reële waarde vermeerderd met direct toewijsbare overnamekosten, behalve niet-genoteerde effecten waarvoor de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan worden bepaald. Deze activa worden geboekt tegen kostprijs.
Winsten en verliezen die voortvloeien uit de verandering in de reële waarde van een belegging die wordt geclassificeerd als financieel actief beschikbaar voor verkoop én die geen voorwerp uitmaakt van een afdekkingsrelatie, worden rechtstreeks via het eigen vermogen geboekt.
Beleggingen in aandelen en sommige beleggingen in waardepapieren worden geclassificeerd als voor verkoop beschikbare financiële activa. Wanneer de belegging wordt verkocht, ontvangen of anderszins vervreemd of wanneer de boekwaarde van de belegging afgeboekt wordt tengevolge van een bijzondere waardevermindering, wordt op dat ogenblik de gecumuleerde winst (het verlies) die voordien begrepen was in het eigen vermogen overgeboekt naar de winst- en verliesrekening.
De Groep neemt een financiële verplichting op in haar balans op de transactiedatum, op het moment dat de Groep zich verbindt aan de contractuele bepalingen van het instrument.
De rentedragende verplichtingen worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde, verminderd met direct toewijsbare transactiekosten. Na de initiële waardering worden de rentedragende verplichtingen opgenomen tegen geamortiseerde kostprijs, waarbij het verschil tussen het initieel bedrag en de terugbetalingswaarde pro rata temporis in de winst- en verliesrekening wordt opgenomen op basis van de effectieve rentemethode.
De Groep neemt een financiële verplichting niet langer op in haar balans als en alleen als de financiële verplichting teniet gaat, wanneer de in het contract vastgelegde verplichting ontbonden wordt, of afloopt.
Niet-afgeleide financiële verplichtingen omvatten obligatieleningen, bankschulden, 'Revolving' en andere kredietfaciliteiten, handelsschulden en overige te betalen posten.
Gewone aandelen worden opgenomen in het eigen vermogen. Transactiekosten verbonden aan de uitgifte van de nieuwe aandelen zijn opgenomen in mindering van ingehouden winsten.
Indien aandelen die het eigen vermogen vertegenwoordigen terug worden ingekocht, wordt het betaalde bedrag met inbegrip van de aanverwante kosten beschouwd als een wijziging van het eigen vermogen. Ingekochte eigen aandelen worden geboekt als een vermindering van het eigen vermogen. Vernietigde eigen aandelen worden geboekt als een vermindering van ingehouden winsten.
De Groep maakt gebruik van derivaten voor het beheer van het wisselkoers- en renterisico dat voortvloeit uit de operationele, financiële en investeringsactiviteiten. In het kader van haar huidige thesauriepolitiek, wendt de Groep geen derivaten aan voor handelsdoeleinden. Derivaten die economische afdekkingen zijn doch die niet voldoen aan de strikte criteria voor 'hedge accounting' zoals voorgeschreven door IAS 39 Financiële instrumenten: opname en waardering, worden boekhoudkundig verwerkt als financiële activa of financiële verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening.
Derivaten worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde op de datum waarop het contract werd afgesloten (transactiedatum) en worden vervolgens geherwaardeerd tegen hun reële waarde. Naargelang het hier al dan niet gaat over kasstroomafdekkingen of een afdekking van een netto-investering in een buitenlandse entiteit, worden winsten of verliezen ofwel rechtstreeks in het eigen vermogen ofwel in de winst- en verliesrekening opgenomen.
Kasstroomafdekkingen, reële-waardeafdekkingen of afdekkingen van netto-investeringen in buitenlandse entiteiten worden toegepast voor alle afdekkingen die in aanmerking komen voor 'hedge accounting' wanneer de vereiste documentatie van de afdekkingrelatie bestaat en wanneer de afdekking effectief is.
De reële waarden van derivaten afgesloten ter afdekking van het renterisico worden berekend op basis van gedisconteerde verwachte toekomstige kasstromen rekening houdend met actuele marktrentevoeten en de rendementscurve over de resterende looptijd van het instrument. De reële waarden van termijnwisselcontracten zijn de genoteerde marktwaarden op balansdatum, zijnde de contante waarde van de genoteerde termijnkoersen.
Winsten of verliezen die voortvloeien uit de herwaardering van derivaten die formeel werden toegewezen voor de afdekking van de veranderingen in reële waarde van een opgenomen actief of verplichting of een niet-opgenomen vaststaande toezegging, worden opgenomen in de winst- en verliesrekening. De afgedekte positie wordt eveneens gewaardeerd tegen reële waarde toewijsbaar aan het afgedekte risico, waarbij winsten of verliezen op de afgedekte positie worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Het effectieve deel van de winsten of verliezen uit de reële waardeveranderingen van derivaten die als afdekkinginstrument specifiek toegewezen werden ter afdekking van de variabiliteit van kasstromen, gekoppeld aan een bepaald risico van een opgenomen actief of verplichting of een zeer waarschijnlijke verwachte toekomstige transactie, wordt opgenomen in het eigen vermogen. Indien de afdekking van een verwachte toekomstige transactie tot de opname van een niet-financieel actief of een niet-financiële verplichting leidt, worden de gecumuleerde winsten of verliezen tot dan toe opgenomen in het eigen vermogen, overgeboekt naar de winst- en verliesrekening in de periode in dewelke het verworven actief of de opgenomen verplichting de winst- en verliesrekening beïnvloedt (met name in de periodes waarin de afschrijvingslast of de kostprijs van de verkopen geboekt wordt). Leidt een afdekking van een verwachte toekomstige transactie tot de opname van een financieel actief of een financiële verplichting, dan wordt de cumulatieve winst of het cumulatieve verlies op het afdekkinginstrument uit het eigen vermogen overgebracht naar de winst- en verliesrekening op het moment dat de toekomstige kasstroom de nettowinst of het nettoverlies beïnvloedt (met name wanneer de verwachte toekomstige transactie plaatsvindt of wanneer de variabele interestlast wordt opgenomen). Het niet-effectieve deel wordt onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen.
Wanneer het afdekkinginstrument afloopt of wordt verkocht, beëindigd of uitgeoefend, of wanneer de afdekking niet langer voldoet aan de criteria voor 'hedge accounting', dient de cumulatieve winst of het cumulatieve verlies (op dat ogenblik) op het afdekkinginstrument in het eigen vermogen opgenomen te blijven tot de verwachte toekomstige transactie plaatsvindt. Dergelijke transacties worden verwerkt zoals beschreven in voorgaande paragraaf. Indien de afgedekte transactie niet langer waarschijnlijk blijkt, worden alle gecumuleerde niet-gerealiseerde winsten of verliezen op dat moment, overgedragen van het eigen vermogen naar de winst- en verliesrekening.
De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.
De kostprijs van een materieel vast actief omvat:
Voor zelfvervaardigde materiële vaste activa omvatten de rechtstreeks toerekenbare kosten de directe materiaalkost, directe fabricagekosten, een evenredig deel van de vaste kosten van materiaal en fabricage, en een evenredig deel van de afschrijvingen van activa gebruikt bij de vervaardiging. De kostprijs omvat tevens een evenredig deel van de kosten voor het bedrijfspensioenplan, andere vrijwillige personeelsbeloningen van de onderneming en geactiveerde financieringskosten.
Uitgaven voor de herstellingen van materiële vaste activa worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Ze worden echter wel geactiveerd indien ze resulteren in een verhoging van het toekomstig economisch nut van de respectieve materiële vaste activa.
Lease-overeenkomsten die vrijwel alle aan het eigendom van een actief verbonden risico's en beloningen aan de Groep overdragen, worden als financiële lease beschouwd. De activa verworven onder de vorm van financiële lease worden opgenomen voor een bedrag gelijk aan het laagste van de reële waarde en de contante waarde van de minimale leasebetalingen bij de aanvang van de lease-overeenkomst, verminderd met de geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.
Materiële vaste activa worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de gebruiksduur van het actief, tenzij op basis van het effectieve gebruik de degressieve methode meer aangewezen is.
Voor materiële vaste activa aangehouden op grond van lease-overeenkomsten stemt de afschrijvingsperiode overeen met de gebruiksduur of met de looptijd van de lease-overeenkomst, indien korter.
De geschatte gebruiksduur van de respectieve activa is de volgende:
| GEBOUWEN | 20 TOT 50 JAAR |
|---|---|
| ANDERE BOUWWERKEN | 10 TOT 20 JAAR |
| BEDRIJFSINSTALLATIES | 6 TOT 20 JAAR |
| MACHINES EN UITRUSTING | 6 TOT 12 JAAR |
| LABORATORIUM- EN ONDERZOEKSINSTALLATIES | 3 TOT 5 JAAR |
| ROLLEND MATERIEEL | 4 TOT 8 JAAR |
| COMPUTERMATERIEEL | 3 TOT 5 JAAR |
| BEDRIJFS- EN KANTOORUITRUSTING | 4 TOT 10 JAAR |
De afschrijvingsperioden, economische levensduur en restwaarden van vaste activa worden op geregelde tijdstippen geëvalueerd en aangepast indien nodig.
Goodwill die ontstaat bij de overname van dochterondernemingen wordt opgenomen onder immateriële activa. Voor de waardering bij eerste opname verwijzen we naar toelichting 3.A.1 'Bedrijfscombinaties'.
Goodwill wordt na eerste opname gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Voor geassocieerde deelnemingen die volgens de 'equity'-methode worden gewaardeerd, wordt het bedrag van de goodwill opgenomen in de boekwaarde van de investering. Eventuele bijzondere waardeverminderingsverliezen worden eveneens opgenomen in de boekwaarde van de geassocieerde deelneming.
Kosten van onderzoek en ontwikkeling worden als een kost in de winst- en verliesrekening opgenomen in de periode waarin zij worden gemaakt, met uitzondering voor bepaalde kosten van ontwikkeling, welke op de balans worden opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat het ontwikkelingsproject een succes zal zijn en wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan zoals technische uitvoerbaarheid en het kunnen aantonen dat het ontwikkelingsproject waarschijnlijke toekomstige economische voordelen zal genereren. Kosten van ontwikkeling opgenomen op de balans worden afgeschreven op een systematische manier over hun geschatte gebruiksduur.
Immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur, zoals handelsnamen, worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.
Immateriële activa met een beperkte gebruiksduur worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.
In overeenstemming met IFRS 3 Bedrijfscombinaties is de kostprijs van een immaterieel actief verworven in een bedrijfscombinatie de reële waarde van het immaterieel actief op overnamedatum. De reële waarde van een immaterieel actief weerspiegelt de marktverwachtingen over de waarschijnlijkheid dat toekomstige economische voordelen vervat in het actief naar de entiteit zullen toevloeien.
Uitgaven na eerste opname worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Ze worden echter wel geactiveerd indien ze resulteren in een verhoging van het toekomstig economisch nut van de respectieve materiële vaste activa.
Immateriële activa met onbeperkte gebruiksduur worden niet afgeschreven. Zij worden jaarlijks op bijzondere waardevermindering getoetst, en elke keer wanneer er een aanwijzing bestaat dat zij mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan.
Immateriële activa met een beperkte gebruiksduur, zoals verworven technologie en cliëntenrelaties worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de geschatte gebruiksduur, in het algemeen over een periode van 3 tot 20 jaar.
Grondstoffen, hulpgoederen en handelsgoederen zijn gewaardeerd aan aanschaffingswaarde. Goederen in bewerking en afgewerkte producten zijn gewaardeerd aan kostprijs. De kostprijs omvat naast de directe productie- en materiaalkosten, een evenredig deel van de indirecte kosten ('overheads') van de productie en het materiaal en een evenredig deel van de afschrijvingen van de activa die in het productieproces werden gebruikt. Bovendien wordt een evenredig deel van de kosten voor het bedrijfspensioenplan en andere vrijwillige personeelsbeloningen toegerekend. Administratiekosten zijn inbegrepen voor zover ze verband houden met de productie.
De voorraden worden gewaardeerd volgens de methode van de gewogen gemiddelde kostprijs.
Indien de aanschaffingswaarde of de kostprijs hoger is dan de opbrengstwaarde, wordt de waardering aan de lagere opbrengstwaarde toegepast. De opbrengstwaarde is gelijk aan de geschatte normale verkoopprijs, verminderd met de geschatte afwerkingkosten en de geschatte kosten die nodig zijn om de verkoop te realiseren.
Voor een financieel actief dan niet wordt gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening moet aan het eind van elk boekjaar worden beoordeeld of er objectieve aanwijzingen zijn voor bijzondere waardeverminderingsverliezen. Bij aanwezigheid van dergelijke aanwijzingen moet de entiteit de realiseerbare waarde inschatten.
Voor leningen en vorderingen en tot einde looptijd aangehouden beleggingen die tegen geamortiseerde kostprijs worden gewaardeerd, is de realiseerbare waarde gelijk aan de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen, contant gemaakt tegen de oorspronkelijke effectieve rentevoet van het financieel actief (dat wil zeggen de bij eerste opname berekende effectieve rentevoet). Wanneer de boekwaarde van een financieel actief hoger is dan haar realiseerbare waarde dient de boekwaarde van het betreffende actief te worden verminderd door het vormen van een voorziening. Het verliesbedrag moet in de winst- en verliesrekening worden opgenomen.
Een bijzonder waardeverminderingsverlies dat in voorgaande perioden voor een actief werd opgenomen, wordt teruggeboekt als en slechts als er sinds de opname van het laatste bijzonder waardeverminderingsverlies een wijziging heeft plaatsgevonden in de schattingen die gebruikt worden om de realiseerbare waarde van het actief te bepalen.
De Onderneming beoordeelt minstens op kwartaalbasis de belangrijkste uitstaande handelsvorderingen (die in totaal ±70% van de totale uitstaande vorderingen vertegenwoordigen) individueel op hun inbaarheid.
Aanpassingen aan de rekening van de waardeverminderingsverliezen worden gemaakt op basis van professionele oordeelsvorming en met in acht name van volgende algemene principes:
Om het kredietrisico op invorderbare minimale leasebetalingen at te dekken, beoordeelt de Onderneming minstens op kwartaalbasis alle uitstaande vorderingen individueel op hun inbaarheid. Aanpassingen aan de rekening van de waardeverminderingsverliezen worden doorgaans gemaakt op basis van het aantal dagen dat de bedragen invorderbaar zijn. Afwijkingen blijven evenwel mogelijk op basis van onderliggende informatie bekomen van het 'Credit and Collections' departement. Bij de beoordeling van de inbaarheid van invorderbare minimale leasebetalingen, houdt het management rekening met de marktwaarde van het onderliggend actief, kredietverzekering en het bestaan van een kredietbrief.
Voor verkoop beschikbare financiële activa omvatten investeringen, andere dan investeringen verwerkt volgens de 'equity' methode, en worden geboekt aan reële waarde, met uitzondering van de aandelen die niet op een actieve markt zijn genoteerd en waarvoor de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan worden bepaald.
Bijzondere waardeverminderingen op voor verkoop beschikbare financiële activa welke aan reële waarde worden gewaardeerd, worden opgenomen door het omboeken van de gecumuleerde verliezen tot dan opgenomen in het eigen vermogen naar de winst- en verliesrekening. Het gecumuleerde verlies dat vanuit het eigen vermogen naar de winst- en verliesrekening wordt omgeboekt, vertegenwoordigt het verschil tussen de aankoopprijs, na eventuele terugbetaling van de hoofdsom en na amortisatie en de actuele reële waarde, verminderd met bijzondere waardeverminderingsverliezen erkend in vroegere winsten verliesrekeningen. Wijzigingen in het cumulatieve bedrag aan bijzondere waardeverminderingen die kunnen worden toegewezen aan de toepassing van de effectieve rentemethode worden weergeven als een component van de financieringsbaten. Wanneer, in een erop volgende periode, de reële waarde van voor verkoop beschikbare waardepapieren (andere dan aandelen) toeneemt en de toename kan met redelijke zekerheid worden toegewezen aan een gebeurtenis die heeft plaats gevonden nadat een bijzonder waardeverminderingsverlies voor een actief werd opgenomen, dan wordt het waardeverminderingsverlies teruggeboekt waarbij het bedrag van de terugboeking in de winst- en verliesrekening wordt opgenomen.
In het geval dat de reële waarde van een voor verkoop beschikbaar financieel actief waarop een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt werd, kan gerecupereerd worden, wordt deze in het eigen vermogen opgenomen.
Goodwill en immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur worden jaarlijks op bijzondere waardevermindering getoetst, en elke keer wanneer er een aanwijzing bestaat dat zij mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan.
Het toetsen op bijzondere waardevermindering gebeurt ieder jaar op hetzelfde ogenblik en op het niveau van de kasstroomgenererende eenheid. De Groep bepaalt haar kasstroomgenererende eenheden overeenkomstig de wijze waarop ze haar goodwill beheert en economische voordelen bekomt van de verworven goodwill en immateriële activa. Het toetsen op bijzondere waardevermindering gebeurt door het vergelijken van de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheden met hun realiseerbare waarde, gebaseerd op hun verwachte toekomstige kasstromen gedisconteerd tegen een gepaste disconteringsvoet voor belastingen.
De disconteringsvoet die gebruikt wordt in de bepaling van de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen is een disconteringsvoet die gebaseerd is op een gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC). Deze gewogen gemiddelde kapitaalkost is gebaseerd op een verhouding vreemd vermogen versus eigen vermogen van een gemiddelde marktparticipant waarbij een extra risicocomponent toegevoegd werd aan de kost van eigen vermogen. De kost van vreemd vermogen is gebaseerd op voorwaarden die vergelijkbare bedrijven voor hun lange-termijnfinanciering zouden kunnen negociëren. Het risico verbonden aan de verwachtingen van de prijsevoluties van zilver en aluminium is weerspiegeld in de toekomstige kasstromen.
Er wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt indien de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid zijn realiseerbare waarde overtreft. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Op iedere rapporteringsdatum dient te worden nagegaan of er een aanwijzing bestaat dat de boekwaarden van de materiële vaste activa, immateriële activa met een beperkte gebruiksduur en financiële activa mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan. Indien een dergelijke indicatie bestaat, wordt de realiseerbare waarde van het actief geraamd. Er wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt als de boekwaarde van een actief zijn realiseerbare waarde overtreft. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.
De realiseerbare waarde van de materiële vaste activa en immateriële activa met een beperkte gebruiksduur is de hoogste waarde van de reële waarde minus verkoopkosten en de gebruikswaarde. Voor de bepaling van de gebruikswaarde worden de geschatte toekomstige kasstromen gedisconteerd naar hun contante waarde op basis van een disconteringsvoet voor belastingen die de tijdswaarde van geld en de aan het actief verbonden specifieke risico's weerspiegelt. De realiseerbare waarde van de leningen en vorderingen van de Groep is de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen contant gemaakt tegen de oorspronkelijke effectieve rentevoet van het financiële actief.
Een bijzonder waardeverminderingsverlies dat in voorgaande perioden voor een actief, met uitsluiting van goodwill, werd opgenomen, wordt teruggeboekt als en slechts als er sinds de opname van het laatste bijzonder waardeverminderingsverlies een wijziging heeft plaatsgevonden in de schattingen die gebruikt worden om de realiseerbare waarde van het actief te bepalen.
De Groep classificeert een vast actief (of een groep activa die wordt afgestoten) als aangehouden voor verkoop wanneer zijn boekwaarde hoofdzakelijk zal worden gerealiseerd in een verkooptransactie en niet door het voortgezette gebruik ervan. Onmiddellijk voordat het actief voor het eerst wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, waardeert de Groep de boekwaarde van het actief (of van alle activa en verplichtingen in de groep) overeenkomstig de van toepassing zijnde IFRS. Bij de initiële classificatie als aangehouden voor verkoop, worden vaste activa en groepen van activa die worden afgestoten, gewaardeerd tegen de laagste waarde van hun boekwaarde en hun reële waarde minus de verkoopkosten. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen voor elke eerste of latere afschrijving van een actief (of een groep activa die wordt afgestoten) tot de reële waarde minus verkoopkosten. Vaste activa aangehouden voor verkoop worden niet langer afgeschreven.
De betaalde bijdrage wordt onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen.
De boekwaarde op de balans van de 'vaste doel'-regelingen wordt bepaald als de contante waarde van de brutoverplichtingen uit hoofde van 'vaste doel'-regelingen, rekening houdend met de niet-opgenomen actuariële winsten of verliezen, verminderd met nog niet-opgenomen pensioenkosten van verstreken diensttijd en met de reële waarde van fondsbeleggingen. Wanneer deze berekening een netto surplus oplevert, dan wordt de waarde van het hieruit resulterend opgenomen actief begrensd tot het totaal van de niet-opgenomen cumulatieve actuariële nettoverliezen en pensioenkosten van verstreken diensttijd en de contante waarde van de economische voordelen die beschikbaar zijn in de vorm van terugbetalingen uit de regeling of verlagingen van toekomstige bijdragen aan de regeling.
De opname van actuariële winsten en verliezen in de winst- en verliesrekening wordt individueel bepaald voor elke 'vaste doel'-regeling. Als de netto opgebouwde niet-opgenomen winsten of verliezen meer bedragen dan 10% van de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van de 'vaste doel'-regeling op die datum of, indien hoger, van de reële waarde van de fondsbeleggingen, dan wordt dit overschot in de winst- en verliesrekening opgenomen over de verwachte gemiddelde resterende diensttijd van de werknemers die deelnemen aan de regeling. In alle andere gevallen worden de actuariële winsten of verliezen niet opgenomen.
Pensioenkosten van verstreken diensttijd worden als een kost gespreid volgens de lineaire methode over de gemiddelde periode tot de vergoedingen onvoorwaardelijk zijn toegezegd. In de mate dat de vergoedingen onmiddellijk onvoorwaardelijk zijn toegezegd na de introductie van of wijzigingen in een 'vaste doel'-regeling, worden pensioenkosten van verstreken diensttijd onmiddellijk als kost opgenomen.
De Groep neemt de winsten of verliezen op de inperking of afwikkeling van een vaste doelregeling op het moment dat de inperking of afwikkeling plaatsvindt. De winst of het verlies op een inperking of afwikkeling omvat de resulterende wijzigingen in de reële waarde van de fondsbeleggingen, wijzigingen in de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van toegezegde pensioenrechten en gerelateerde actuariële winsten en verliezen en pensioenkosten van verstreken diensttijd die nog niet eerder waren opgenomen.
De contante waarde van de brutoverplichtingen uit hoofde van 'vaste doel'-regelingen en de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten worden door een gekwalificeerd actuaris berekend volgens de 'projected unit credit'-methode. De gebruikte disconteringsvoet is het marktrendement op rapporteringsdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de geschatte looptijd van de brutoverplichtingen uit hoofde van vergoedingen na uitdiensttreding. Het bedrag dat in de winst- en verliesrekening wordt geboekt, bestaat uit de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten, de financieringskosten, het verwacht rendement op fondsbeleggingen, de actuariële winsten en verliezen en het effect van enige inperkingen en afwikkelingen van een vaste doel-regeling.
Brugpensioen wordt beschouwd als een ontslagvergoeding.
Buiten het bedrijfspensioenplan, het levensverzekeringsplan en het plan voor medische bijstand heeft de Groep nog andere lange diensttijd personeelsbeloningen ten opzichte van haar werknemers. Deze bestaan uit de toekomstige vergoedingen waar de werknemers recht op hebben op basis van de prestaties tijdens de huidige of vorige periodes.
Deze verplichtingen worden berekend op basis van de 'projected unit credit'-methode en worden gedisconteerd, verminderd met de reële waarde van fondsbeleggingen. De gebruikte disconteringsvoet is het marktrendement op rapporteringsdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de geschatte looptijd van de verplichtingen van de Groep
Ontslagvergoedingen worden opgenomen als een verplichting en als een last wanneer een groepsonderneming zich aantoonbaar heeft verbonden tot ofwel:
(a) het beëindigen van de tewerkstelling van een werknemer of groep van werknemers vóór de normale pensioendatum; of (b) de betaling van ontslagvergoedingen als gevolg van een aanbod ter aanmoediging van vrijwillige pensionering.
Wanneer ontslagvergoedingen verschuldigd zijn na twaalf maanden volgend op de rapporteringsdatum, dan worden ze gedisconteerd aan een disconteringsvoet gelijk aan het marktrendement op rapporteringsdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de termijn van de verplichtingen van de Groep.
De verplichtingen uit hoofde van kortetermijn personeelsbeloningen worden gewaardeerd op een niet-gedisconteerde basis. Ze worden in de winst- en verliesrekening opgenomen in de periode waarin de gerelateerde prestaties worden geleverd. Een verplichting wordt opgenomen voor de personeelsbeloningen die betaalbaar zijn binnen de twaalf maanden op voorwaarde dat de Groep een bestaande in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft om dergelijke betalingen te doen als gevolg van verleende prestaties in het verleden en indien de verplichting op een betrouwbare manier kan worden bepaald.
De Groep heeft in eigen-vermogensinstrumenten, afgewikkelde op aandelen gebaseerde betalingstransacties. De reële waarde van de diensten ontvangen vanwege werknemers worden opgenomen als een last. Het totale bedrag dat als last dient te worden opgenomen gedurende de wachtperiode wordt bepaald op basis van de reële waarde van de toegekende aandelenopties, waarbij geen rekening wordt gehouden met de impact van niet-marktprijsgerelateerde voorwaarden. Met nietmarktprijsgerelateerde voorwaarden wordt rekening gehouden in de veronderstellingen inzake het verwachte aantal aandelenopties dat onvoorwaardelijk wordt. Op iedere rapporteringsdatum herziet de Groep zijn schattingen van het verwachte aantal aandelenopties dat onvoorwaardelijk wordt. Indien van toepassing, wordt de impact van de herziening van de oorspronkelijke schattingen opgenomen in de winst- en verliesrekening met een overeenkomstige opboeking van het eigen vermogen gedurende de resterende wachtperiode. Indien de opties worden uitgeoefend, wordt het eigen vermogen verhoogd met het bedrag van de ontvangen gelden.
Voorzieningen worden in de balans opgenomen indien een onderneming van de Groep een bestaande verplichting heeft (in rechte afdwingbare of feitelijke) tengevolge van een gebeurtenis van het verleden en als het waarschijnlijk is dat de afwikkeling van deze verplichting resulteert in een uitstroom uit de onderneming van middelen die economische voordelen in zich bergen.
Het bedrag van de voorziening is gebaseerd op een beste schatting van de uitgaven die vereist zijn om de bestaande verplichting op de rapporteringsdatum af te wikkelen.
Indien het effect van de tijdswaarde van geld materieel is, worden voorzieningen gedisconteerd op basis van een disconteringvoet vóór belastingen waarbij rekening wordt gehouden met de huidige marktbeoordelingen voor de tijdswaarde van het geld en de risico's die inherent zijn aan de verplichting.
Een voorziening voor garantieverplichtingen ter waarde van de ingeschatte vervangingskost voor de Groep wordt aangelegd op het moment dat de opbrengsten in de winst- en verliesrekening opgenomen worden.
Een voorziening voor reorganisatiekosten wordt geboekt indien de Groep formeel een gedetailleerd reorganisatieplan heeft goedgekeurd en bij de betrokkenen een geldige verwachting heeft gewekt dat de reorganisatie zal worden doorgevoerd door het plan te beginnen uitvoeren of door de belangrijke kenmerken ervan mee te delen aan de betrokkenen. Voor toekomstige exploitatieverliezen worden geen voorzieningen opgenomen.
Indien er terreinen vervuild zijn dan wordt er, in overeenstemming met de gepubliceerde milieupolitiek van de Groep en de van toepassing zijnde wettelijke verplichtingen, een voorziening voor bodemsanering aangelegd.
Een voorziening wordt aangelegd voor overeenkomsten waarbij de onvermijdelijke kosten die nodig zijn om de verplichtingen uit hoofde van het contract na te komen, hoger liggen dan de economische voordelen die naar verwachting uit het contract worden ontvangen.
Opbrengsten worden gewaardeerd tegen de reële waarde van de vergoeding na belastingen, kortingen en rabatten.
Opbrengsten uit de verkoop van goederen en diensten worden door de Groep in de winst- en verliesrekening opgenomen op het ogenblik dat de wezenlijke risico's en voordelen van eigendom van de goederen/diensten worden overgedragen aan de koper, het bedrag van de opbrengst op een betrouwbare wijze kan gewaardeerd worden, er geen significante onzekerheid bestaat omtrent de inning van de vordering en/of de eventuele terugzending van de goederen en de reeds gemaakte of nog te maken kosten met betrekking tot de transactie op een betrouwbare wijze kunnen ingeschat worden.
Wat betreft de verkoop van verbruiksgoederen, chemicaliën, wisselstukken, uitrusting en softwarelicenties is er aan deze opnamecriteria in het algemeen voldaan op het moment dat de goederen verscheept zijn en geleverd zijn aan de koper en, afhankelijk van de leveringsvoorwaarden, de eigendomstitel overgedragen werd en acceptatie van de goederen werd bekomen.
Opbrengsten uit het verrichten van diensten zoals onderhoud worden lineair over de contractueel vastgelegde periode gedurende dewelke de diensten worden verleend, opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Vergoedingen en royalties betaald voor het gebruik van de activa van de Onderneming worden op 'accrual'-basis opgenomen in overeenstemming met de voorwaarden en het voorwerp van betreffende overeenkomst. In een aantal situaties is de ontvangst van een licentievergoeding of royalty afhankelijk van het zich voordoen van een toekomstige gebeurtenis. In deze situaties worden opbrengsten uitsluitend opgenomen op het ogenblik dat er redelijke zekerheid bestaat over de inning van de vergoeding of royalty wat over het algemeen het tijdstip is waarop de gebeurtenis plaats heeft.
De Groep sluit tevens overeenkomsten af waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden aan de koper ('multiple element arrangements'). Deze overeenkomsten omvatten onder meer de verkoop van 'software', 'hardware' en diensten zoals opleiding, onderhoud en dienstverlening na verkoop. Voor zulke overeenkomsten wordt steeds nagekeken of de levering van elk van deze goederen en/of diensten kan beschouwd worden als een afzonderlijke boekhoudkundige eenheid waarop de opnamecriteria kunnen toegepast worden. Opbrengsten met betrekking tot de geleverde goederen en/of diensten kunnen los van elkaar in de winst- en verliesrekening opgenomen worden op voorwaarde dat (a) de goederen en/of diensten onafhankelijk van elkaar waarde creëren voor de koper, (b) de reële waarde van de nog niet geleverde goederen en/of diensten op een betrouwbare en objectieve manier kan bepaald worden en (c) in geval de overeenkomst een teruggavenrecht bevat, de onderneming met voldoende zekerheid de succesvolle oplevering van de nog niet geleverde goederen en/of diensten kan inschatten en verzekeren.
Voor zover deze overeenkomsten geen softwareproducten bevatten die significante aanpassingen en programmatie op maat van de koper vereisen, wordt de totale verkoopprijs van de overeenkomst toegewezen aan de verschillende identificeerbare goederen en/of diensten op basis van hun reële waarde. De reële waarde van de verschillende goederen en/of diensten vervat in de overeenkomst wordt bepaald aan de hand van objectieve ondernemingsspecifieke gegevens. Deze objectieve ondernemingsspecifieke gegevens zijn de door de onderneming gehanteerde prijslijsten wanneer de goederen en/of diensten afzonderlijk verkocht worden op de markt.
Het deel van de verkoopprijs toegekend aan ieder element van de transactie zal in de winst- en verliesrekening opgenomen worden op het moment dat de levering van het product heeft plaatsgevonden, de verkoopprijs vaststaand of bepaalbaar is en de inning van de verkoopprijs met voldoende zekerheid kan ingeschat worden en dit alles op voorwaarde dat een verkoopovereenkomst afgesloten werd met de koper.
In het geval dat de reële waarde van een of meerdere reeds geleverde goederen en/of diensten niet op een objectieve manier bepaald kan worden, maar objectieve informatie beschikbaar is van de reële waarde van alle nog niet geleverde goederen en/ of diensten, dan wordt het gedeelte van de verkoopprijs toegewezen aan de nog niet geleverde goederen en/of diensten uitgesteld en zal het residueel gedeelte van de verkoopprijs toegewezen aan de geleverde goederen en/of diensten opgenomen worden in de winst- en verliesrekening op voorwaarde dat aan alle opnamecriteria werd voldaan.
Het merendeel van de overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden ('multiple element arrangements') binnen het HealthCare segment, vereist geen significante aanpassingen van het 'software' gedeelte en geen programmatie op maat van de koper. De opnamecriteria worden toegepast op de afzonderlijke identificeerbare componenten van de transactie. Het deel van de verkoopprijs toegewezen aan de 'hardware' component wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening op het moment dat deze geleverd is aan de koper en toegevoegde waarde creëert. Het deel van de verkoopprijs toegewezen aan de 'software' component wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening na succesvolle installatie bij de koper. De hieraan verbonden diensten worden opgenomen in de winst- en verliesrekening naar rato van de verrichte prestaties.
Bij de verkoop van uitrusting die een aanzienlijke installatie vereist binnen het Graphics segment, worden de opbrengsten in de winst- en verliesrekening opgenomen nadat de installatie overeenkomstig alle contractuele bepalingen is voltooid en het systeem aldus gebruiksklaar is voor de koper.
Opbrengsten uit overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden ('multiple element arrangements'), waarbij significante aanpassingen van het 'software' onderdeel noodzakelijk zijn of die programmatie vereisen op maat van de koper, worden in de winst- en verliesrekening opgenomen volgens het stadium van voltooiing van activiteiten op rapporteringsdatum. Binnen het HealthCare segment wordt deze werkwijze toegepast op projecten die de drie basiscriteria zoals beschreven in het 'Solution Launch Process' nog niet behaalden, de zogenaamde pilootprojecten. De mate waarin de prestaties zijn verricht, wordt bepaald naar rato van de projectkosten die tot op dat moment zijn gemaakt in verhouding tot de totale geschatte projectkosten. Indien de mate waarin prestaties zijn verricht niet met voldoende zekerheid kan bepaald worden, worden de opbrengsten in de winst- en verliesrekening opgenomen bij finale oplevering aan de koper.
opgenomen, op basis van de effectieve rentemethode.
De financieringsbaten (-kosten) omvatten rente verschuldigd op leningen en ontvangen rente op beleggingen. Financieringsbaten en -kosten bevatten ontvangen en betaalde intresten met betrekking tot elementen opgenomen in de netto financiële schuldpositie. De netto financiële schuldpositie wordt gedefinieerd als de som van langlopende en kortlopende rentedragende verplichtingen verminderd met geldmiddelen en kasequivalenten.
Overige financieringsbaten en kosten bevatten ontvangen en betaalde interesten met betrekking tot overige activa en verplichtingen die geen deel uitmaken van de netto financiële schuldpositie, valutakoersverschillen uit niet-operationele activiteiten, winsten en verliezen uit derivaten ter indekking van niet-operationele activiteiten, bijzondere waardeverminderingsverliezen geboekt op financiële activa beschikbaar voor verkoop, resultaten op de verkoop van effecten beschikbaar voor verkoop, het deel van de pensioenkost van de periode dat niet aan de 'Winst uit bedrijfsactiviteiten' kan worden toegewezen en andere niet-operationele kosten en opbrengsten.
Inkomsten uit rente worden pro rata temporis in de winst- en verliesrekening opgenomen op actuariële basis. Inkomsten uit dividenden worden in de winst- en verliesrekening opgenomen op de dag dat het dividend wordt toegekend. Alle rentelasten en andere financieringskosten in verband met leningen worden in de winst- en verliesrekening opgenomen naarmate ze ontstaan. De rentelastcomponent van de betalingen voor financiële leases wordt in de winst- en verliesrekening
De winstbelastingen omvatten de over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare belastingen en de uitgestelde belastingen. Beide belastingen worden in de winst- en verliesrekening geboekt behalve in die gevallen waar het bestanddelen betreft die deel uitmaken van het eigen vermogen. In dit laatste geval verloopt de opname via het eigen vermogen.
Onder de over de verslagperiode verschuldigde en verrekenbare belastingen verstaat men deze die drukken op de fiscale winst van het boekjaar, berekend tegen de belastingtarieven die van kracht zijn op de balansdatum, evenals de aanpassingen aan de belastingen die verschuldigd zijn over de vorige boekjaren.
De uitgestelde belastingen worden berekend volgens de 'balance sheet'-methode en komen hoofdzakelijk voort uit de verschillen tussen de boekwaarde van activa en verplichtingen in de balans en de fiscale boekwaarde ervan (tijdelijke verschillen). Er wordt echter geen rekening gehouden met de volgende verschillen: de eerste opname van goodwill, de eerste opname van een actief of verplichting in een transactie die geen bedrijfscombinatie is en op het moment van de transactie geen invloed heeft op de winst vóór belasting of op de fiscale winst (het fiscaal verlies), en tijdelijke verschillen met betrekking tot investeringen in dochterondernemingen in de mate dat zij waarschijnlijk niet zullen afgewikkeld worden in de nabije toekomst. Het bedrag van de uitgestelde belastingen is gebaseerd op de verwachtingen met betrekking tot de realisatie van de boekwaarde van de activa en verplichtingen, waarbij gebruik wordt gemaakt van de belastingtarieven (en de belastingwetgeving) waarvan het wetgevingsproces (materieel) is afgesloten op de balansdatum.
Een uitgestelde belastingvordering wordt enkel opgenomen in de balans indien het voldoende zeker is dat de verrekenbare tijdelijke verschillen, de ongebruikte belastingfaciliteiten en de ongebruikte voorwaartse verliescompensatie in de toekomst met fiscale winsten kunnen worden verrekend. Uitgestelde belastingvorderingen worden verminderd naarmate het niet langer waarschijnlijk is dat de belastingbesparing zal kunnen worden gerealiseerd.
Bijkomende inkomstenbelastingen die voortvloeien uit het toekennen van dividenden worden opgenomen op hetzelfde tijdstip als de verplichting tot het betalen van het betreffende dividend.
Bij de bepaling van de over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare winstbelastingen en uitgestelde winstbelastingen houdt de Groep rekening met het effect van onzekere belastingposities en de vraag of er nog verdere belastingen en rente verschuldigd zijn. De Groep is van mening dat, op basis van de beoordeling van vele factoren waaronder de interpretatie van het belastingrecht en ervaring, de voor belastingverplichtingen gereserveerde post toereikend is voor alle openstaande fiscale jaren. Bij die beoordeling is gebruik gemaakt van schattingen en veronderstellingen en zijn mogelijk een aantal aannames over toekomstige gebeurtenissen gedaan. Nieuwe informatie kan voor de Groep aanleiding zijn om de inschatting van de toereikendheid van bestaande belastingverplichtingen bij te stellen; een dergelijke wijziging van de belastingverplichting beïnvloedt de winstbelasting in de periode waarin deze wordt bepaald.
Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een component van de Groep die ofwel is afgestoten, ofwel is geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit vertegenwoordigt en deel uitmaakt van een enkel coördinatieplan om een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit af te stoten, of een dochteronderneming betreft die uitsluitend is overgenomen met de bedoeling te worden doorverkocht.
Het management van de Groep heeft drie operationele segmenten bepaald: Graphics, HealthCare en Specialty Products.
De beslissende factor in de identificatie van de operationele segmenten van de Groep is het detailniveau van informatie die het management – CEO van de Groep en Executive Committee Management – gebruikt in het nemen van operationele beslissingen. De te rapporteren segmenten van de Groep zijn dezelfde als haar operationele segmenten.
Het resultaat van een te rapporteren segment omvat de opbrengsten en kosten die rechtstreeks door een segment worden gegenereerd, inclusief het relevante deel van de opbrengsten en kosten dat redelijkerwijs aan het segment kan worden toegewezen.
De activa en verplichtingen van een segment omvatten de activa en verplichtingen die direct zijn toe te wijzen aan een segment, inclusief de activa en verplichtingen die redelijkerwijs aan het segment kunnen worden toegewezen.
De activa en verplichtingen van een segment worden weergegeven exclusief winstbelastingen.
De toewijzing van activa en verplichtingen die door meer dan één te rapporteren segment worden aangewend kan als volgt worden samengevat:
De algemene regel is dat elk bestanddeel van een operationeel segment in zijn geheel wordt toegewezen aan één van de te rapporteren segmenten, met andere woorden een actiefbestanddeel zoals een kantoorgebouw wordt toegewezen aan één enkel segment. Als het desbetreffend actiefbestanddeel door meer dan één te rapporteren segment wordt gebruikt, heeft één segment het activum in eigendom terwijl de andere segmenten het huren (middels doorbelasting door middel van dienstenovereenkomsten). Hetzelfde geldt voor bedrijfsverplichtingen zoals verplichtingen ten opzichte van het personeel. Aangezien al de personeelsleden, met uitzondering van de werknemers die tot het Corporate Center behoren en de inactieve werknemers (zie verder), toegewezen zijn aan een specifiek te rapporteren segment, worden alle daaraan verbonden verplichtingen en voorzieningen toegewezen aan het segment waartoe de betrokken werknemer behoort.
De voornaamste uitzondering op bovenstaand principe heeft betrekking op het deel van de productie-eenheid Materials welke film en chemicaliën produceert voor al de te rapporteren segmenten. De productie-eenheid Materials is de combinatie van het specifieke deel van het te rapporteren segment Specialty Products en de productie van filmverbruiksgoederen wereldwijd. Bedrijfsopbrengsten en -kosten en bedrijfsactiva en -verplichtingen die betrekking hebben op filmverbruiksgoederen blijven verdeeld over de verschillende te rapporteren segmenten met behulp van verdeelsleutels.
De resultaten, activa en verplichtingen die betrekking hebben op inactieve werknemers kunnen niet toegewezen worden aan de bedrijfssegmenten. Deze gegevens zijn begrepen in de reconciliatie tussen het totaal van de te rapporteren segmenten en het totaal van de geconsolideerde balans en de winst- en verliesrekening. Inactieve werknemers worden gedefinieerd als gepensioneerden, vroegere werknemers die rechten hebben opgebouwd en andere inactieve werknemers zoals bruggepensioneerden waarvan redelijkerwijs kan worden aangenomen dat zij niet zullen terugkeren tot een actieve status. Werknemers die in principe slechts tijdelijk inactief zijn zoals ten gevolge van langdurige invaliditeit of ziekte, zwangerschapsverlof, legerdienst en dergelijke worden als actieve werknemers behandeld en bijgevolg toegewezen aan één van de te rapporteren segmenten. Het verschil tussen het totaal van de segmentactivatie en -verplichtingen en het balanstotaal omvat de openstaande saldi voortkomend uit de distributie-, diensten- en langetermijnleveringsovereenkomsten tussen de Groep en AgfaPhoto, evenals de verplichtingen betreffende het vroegere segment Consumer Imaging die bij de Groep gebleven zijn.
Met ingang van 1 januari 2011 werden standaarden en interpretaties voor de eerste maal toegepast. De toepassing van deze standaarden heeft geen impact gehad op de geconsolideerde jaarrekening noch op de winst per aandeel. Het betreft volgende standaarden en interpretaties:
Een aantal reeds gepubliceerde IFRS-standaarden, herzieningen aan IFRS-standaarden en nieuwe interpretaties van IFRSstandaarden waren nog niet van kracht per 31 december 2011 en werden aldusdanig niet toegepast in de opstelling van de geconsolideerde jaarrekening. Het betreft:
In november 2009 publiceerde de IASB, IFRS 9 Financiële instrumenten, die de classificatie en waarderingsgrondslagen van financiële activa aanpast. In december 2011 werd de effectieve implementatiedatum verschoven naar jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2015.
In overeenstemming met IFRS 9 – Classificatie en waardering van financiële activa, dient de entiteit na eerste opname alle financiële activa te waarderen ofwel tegen geamortiseerde kostprijs ofwel tegen reële waarde overeenkomstig het business model dat de entiteit gebruikt voor het beheer van de financiële activa en overeenkomstig de kenmerken van de contractuele kasstromen verbonden aan het financieel actief. Winsten of verliezen op financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde worden geboekt in de winst- en verliesrekening met uitzondering van investeringen in aandelen. Winsten en verliezen op financiële activa gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs worden in de winst- en verliesrekening geboekt op het moment dat het financieel actief wordt uitgeboekt, er een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt wordt op het financieel actief, of het financieel actief geherclassificeerd wordt. De toepassing van deze aanpassing wordt niet verwacht een materieel effect te hebben op de geconsolideerde jaarrekening.
In oktober 2010 publiceerde de IASB een aanpassing aan IFRS 9 van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2015. De aanpassing breidt de standaard uit met de principes voor de boekhoudkundige verwerking van financiële verplichtingen en de vervreemding van actief- en passiefbestanddelen. Aangezien deze aanpassing geen wezenlijke veranderingen toebrengt aan de basisprincipes voor de boekhoudkundige verwerking van financiële verplichtingen, zal de aanpassing aan deze standaard geen impact hebben op de geconsolideerde jaarrekening.
In mei 2010 publiceerde de IASB Verbeteringen aan IFRSs, een geheel van niet-dringende noodzakelijke aanpassingen aan bestaande standaarden en toepassingsleidraden in het kader van het IASB's jaarlijkse verbeteringsproject. Sommige van deze aanpassingen zijn van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2011, en zijn als dusdanig al toegepast. Andere zijn van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 juli 2011. De toepassing van deze aanpassingen zal geen materiële impact hebben op de geconsolideerde jaarrekening.
In oktober 2010 publiceerde de IASB een aanpassing aan IFRS 7 Financiële instrumenten van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 juli 2011. Deze aanpassing vereist bijkomende toelichtingen betreffende transacties die financiële activa transfereren (zoals securitizatie) teneinde meer inzichten te verschaffen omtrent de mogelijke risico's die bij de entiteit zouden achterblijven na dergelijke transacties. Bijkomende toelichtingen zijn noodzakelijk indien een disproportioneel aantal van deze transacties zouden ondernomen worden rond het einde van een boekjaar. De Groep zal transacties die activa transfereren, toelichten in overeenstemming met deze standaard.
In december 2010 publiceerde de IASB een aanpassing aan de bestaande standaard IAS 12 Inkomstenbelastingen van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 januari 2012. Deze aanpassing vereist dat de uitgestelde belastingen op een actiefbestanddeel dienen gewaardeerd te worden afhankelijk van de manier waarop de entiteit verwacht om het actief ten gelde te zullen maken, zijnde door regulier gebruik of door verkoop. Deze aanpassing zal geen materieel effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.
In mei 2011 publiceerde de IASB de nieuwe standaard IFRS 10 Geconsolideerde Jaarrekening, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2013. Deze standaard bepaalt de principes die dienen gehanteerd te worden in de opstelling en de presentatie van de geconsolideerde jaarrekening. De opname van een onderneming in de geconsolideerde jaarrekening dient gebaseerd te zijn op een principe van controle, zoals beschreven wordt in de standaard. Deze standaard vervangt de consolidatiebepalingen van de huidige IAS 27 De geconsolideerde jaarrekening en de enkelvoudige jaarrekening en SIC-12 Consolidatie – Voor een bijzonder doel opgerichte entiteiten ('special purpose entities'). De toepassing van deze standaard zal geen materieel effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.
In mei 2011 publiceerde de IASB de nieuwe standaard IFRS 11 Joint Arrangements, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2013. De standaard bepaalt de boekhoudkundige verwerking van samenwerkingsverbanden waarover twee of meer partijen gemeenschappelijke zeggenschap hebben. De boekhoudkundige behandeling wordt bepaald door de rechten en verplichtingen voortvloeiend uit het samenwerkingsverband, eerder dan door de juridische structuur. Alle samenwerkingsverbanden worden geclassificeerd als 'joint operations' of als 'joint ventures'. Een deelnemer in een 'joint venture' verwerkt een belang in de regeling volgens de 'equity'-methode. IFRS 11 vervangt IAS 31 Belangen in Joint Ventures en SIC 13 Entiteiten waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend. De toepassing van deze standaard zal geen materieel effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.
In mei 2011 publiceerde de IASB de nieuwe standaard IFRS 12 Toelichtingen betreffende deelnemingen, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2013. De standaard vereist uitgebreide toelichtingen over entiteiten die zijn opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening, over deelnemingen verwerkt volgens de 'equity'-methode, over samenwerkingsverbanden en over deelnemingen die niet zijn geconsolideerd. Deze toelichtingen dienen de gebruikers van de jaarrekening informatie te verschaffen teneinde de basis van controle te evalueren, een inzicht te bieden in de mogelijke risico's die kunnen ontstaan ten aanzien van niet geconsolideerde entiteiten en de effecten op de geconsolideerde jaarrekening. De Groep zal de toelichtingen verschaffen die noodzakelijk zijn overeenkomstig de toepassing van deze standaard.
In mei 2011 publiceerde de IASB de nieuwe standaard IFRS 13 Reële waardebepalingen, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2013. De standaard bepaalt een definitie van reële waarde en hoe deze reële waarde bepaald dient te worden. De standaard bepaalt tevens de toelichtingen die verschaft dienen te worden bij de geconsolideerde jaarrekening. De reële waarde wordt gedefinieerd als de prijs die ontvangen of betaald wordt wanneer actief- of passiefbestanddelen verkocht worden. De toepassing van deze standaard zal geen materieel effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.
In mei 2011, in het kader van de publicatie van de nieuwe standaarden IFRS 10 en IFRS 12, publiceerde de IASB een herziening van de bestaande standaarden IAS 27 en IAS 28, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2013. De nieuwe standaard IAS 27 richt zich volledig op de boekhoudkundige verwerking van deelnemingen in dochterondernemingen, samenwerkingsverbanden en deelnemingen verwerkt volgens de 'equity'-methode in de enkelvoudige jaarrekening in het geval dat de entiteit kiest of verplicht is volgens wettelijke bepalingen om een enkelvoudige jaarrekening te op te stellen. De nieuwe standaard IAS 28 bepaalt de principes voor deelnemingen verwerkt volgens de 'equity'-methode en de verplichting tot gebruik van de 'equity'-methode. De toepassing van deze standaarden zal geen materieel effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.
In juni 2011 publiceerde de IASB aan aanpassing aan de bestaande standaard IAS 1 Presentatie van Financiële Staten, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 juli 2012. De aanpassingen specifiëren dat elementen geboekt in de staat van niet-gerealiseerde resultaten gebundeld dienen te worden voorgesteld volgens het moment dat deze geherclasseerd zullen worden naar de winst- en verliesrekening. De aanpassing kan een effect hebben op de presentatie van de staat van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten maar zal geen materieel effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.
In juni 2011 publiceerde de IASB de aanpassing aan de bestaande standaard IAS 19 Personeelsbeloningen, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2013. De aanpassing schrapt het gebruik van de 'corridor'-methode die toelaat om actuariële winsten en verliezen gespreid te erkennen in de winst- en verliesrekening over verschillende jaarperioden. Deze aanpassing stipuleert dat de nettoverplichting uit hoofde van de 'vaste doel'-regelingen volledig dient geboekt te worden in de staat van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, rechtstreeks opgenomen in het eigen vermogen. Het interestgedeelte van de 'vaste doel'-regelingen dient berekend te worden op de netto verplichting, zijnde het verschil tussen de bruto verplichting en contante waarde van de fondsbeleggingen. De financiële impacten uit aanpassingen van de 'vaste doel' regelingen dienen onmiddellijk in de winst- en verliesrekening geboekt te worden.
De impact van de aanpassingen aan IAS 19 op de nettoverplichting van de landen van materieel belang per 31 december 2012 zal ongeveer de waarde bedragen van de niet opgenomen actuariële verliezen per 31 december 2011, zijnde 687 miljoen euro. In de loop van het fiscale jaar 2012, verwacht de Groep een totale pensioenlast voor de periode van 89 miljoen euro voor de 'vaste doel'-regelingen en andere lange diensttijd personeelsbeloningen van de landen van materieel belang. Op het moment dat de aanpassingen van IAS 19 toegepast worden in de jaarrekening van 2012, zal de totale pensioenlast voor de periode dalen met 27 miljoen euro. Deze daling wordt voornamelijk verklaard door het wegvallen van de afschrijvingslast van actuariële winsten en verliezen uit winst- en verliesrekening gedeeltelijk gecompenseerd door een stijging van de netto interestlast. Dit laatste wordt verklaard door de nieuwe vereiste om het rendement op fondsbeleggingen te berekenen volgens de disconteringsvoet.
In oktober 2011, publiceerde de IASB IFRIC 20 toepasbaar voor jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2013. Deze interpretatie is niet van toepassing op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep.
• Compensatie van financiële activa en financiële verplichtingen en toelichtingen (aanpassingen aan IAS 32) en Compensatie van financiële activa en financiële verplichtingen (aanpassingen aan IFRS 7)
In december 2011 publiceerde de IASB aanpassingen aan de bestaande standaard IAS 32 toepasbaar voor jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2014 en aanpassingen aan IFRS 7 toepasbaar voor jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2013. Deze aanpassingen dienen retroactief toegepast te worden. De aanpassingen verduidelijken wanneer compensatie van financiële activa en verplichtingen mogelijk is en wat er bedoeld wordt met gelijktijdige vereffening. Financiële activa en verplichtingen die gecompenseerd worden voorgesteld in de geconsolideerde jaarrekening dienen toegelicht te worden, zowel het bruto bedrag als de gecompenseerde bedragen. De toepassing van deze aanpassingen zal geen materieel effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.
In december 2011 publiceerde de IASB een tweede aanpassing aan de standaard IFRS 7, waarbij toelichtingen vereist zijn aangaande de eerste toepassing van IFRS 9. Deze tweede aanpassing is toepasbaar op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2015 of vanaf de datum van eerste toepassing van IFRS 9.
De Groep onderscheidt drie te rapporteren segmenten: Graphics, HealthCare en Specialty Products. De te rapporteren segmenten reflecteren het niveau waarop de CEO van de Groep en het Executive Committee de activiteiten herzien en beslissingen nemen over de toewijzing van middelen en andere operationele zaken. De te rapporteren segmenten van de Groep zijn dezelfde als zijn operationele segmenten.
De te rapporteren segmenten Graphics, HealthCare en Specialty Products omvatten de volgende activiteiten:
Graphics biedt geïntegreerde oplossingen voor drukvoorbereiding (prepress) evenals geavanceerde industriële inkjet oplossingen. De oplossingen voor drukvoorbereiding omvatten verbruiksgoederen, hardware, software en diensten voor productieworkflow, project- en kleurenbeheer. Als speler op de markt van industriële inkjet biedt Graphics uitgebreide oplossingen aan, waaronder hoge kwaliteitsinkt, voor verschillende toepassingen zoals documenten, affiches, spandoeken, bewegwijzering, displays, etiketten en verpakkingsmateriaal.
HealthCare biedt diagnostische beeldvorming en IT-oplossingen voor de gezondheidszorg. Als speler op de markt van diagnostische beeldvorming levert HealthCare analoge, digitale en IT-technologieën om te voldoen aan de behoeften van gespecialiseerde artsen over de hele wereld. HealthCare is ook actief op de markt van bedrijven die IT maken voor gezondheidszorg door de integratie van administratieve, financiële en klinische werkstromen voor volledige ziekenhuizen en zelfs ziekenhuizen met verschillende vestigingen.
Specialty Products heeft een brede waaier van voornamelijk op film gebaseerde producten en hoogtechnologische oplossingen voor industriële klanten die niet tot de grafische en gezondheidszorgmarkten behoren. De voornaamste zijn film voor nietdestructief materiaalonderzoek, cinefilm, film voor luchtfotografie, microfilm en film voor de productie van gedrukte schakelingen (PCB's). De businessgroep is eveneens actief in veelbelovende groeimarkten met innovatieve oplossingen zoals materialen voor hoogbeveiligde identiteitsdocumenten, geleidende polymeren, synthetische papieren en membranen voor waterstofproductie.
De waarderingsregels van de te rapporteren segmenten zijn dezelfde als deze die beschreven staan in toelichting 3.
De kerngegevens van de te rapporteren segmenten zijn gebaseerd op interne management rapporten en werden als volgt berekend:
De interne managementrapporten bevatten geografische informatie per markt. De Groep maakt een onderscheid tussen vier geografische markten: Europa, NAFTA, Latijns-Amerika en Azië/Oceanië/Afrika. De Groep is gevestigd in België.
Er zijn geen individuele externe klanten die minstens 10% van de opbrengsten van de Groep vertegenwoordigen.
| TE RAPPORTEREN SEGMENT | GRAPHICS | HEALTHCARE | SPECIALTY PRODUCTS |
TOTAAL | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 | 2011 | 2010 | 2011 | 2010 | 2011 | 2010 | |
| OPBRENGSTEN | 1.596 | 1.565 | 1.177 | 1.180 | 250 | 203 | 3.023 | 2.948 | |
| EVOLUTIE | 2,0% | 16,7% | (0,3)% | 0,2% | 23,2% | (14,0)% | 2,5% | 7,0% | |
| RECURRENTE EBIT | 48 | 134 | 79 | 126 | 5 | 8 | 132 | 268 | |
| % VAN DE OPBRENGSTEN | 3,0% | 8,6% | 6,7% | 10,7% | 2,0% | 3,9% | 4,4% | 9,1% | |
| RESULTAAT VAN HET SEGMENT | (7) | 120 | 41 | 111 | (2) | 5 | 32 | 236 | |
| ACTIVA VAN HET SEGMENT | 911 | 935 | 1.345 | 1.289 | 166 | 158 | 2.422 | 2.382 | |
| VERPLICHTINGEN VAN HET SEGMENT | 333 | 366 | 438 | 427 | 35 | 37 | 806 | 830 | |
| NETTOKASSTROMEN UIT | |||||||||
| BEDRIJFSACTIVITEITEN | 33 | 157 | 23 | 178 | (2) | 7 | 54 | 342 | |
| INVESTERINGSUITGAVEN | 31 | 34 | 24 | 20 | 6 | 6 | 61 | 60 | |
| AFSCHRIJVINGEN | 40 | 43 | 45 | 48 | 4 | 4 | 89 | 95 | |
| BIJZONDERE | |||||||||
| WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | 4 | - | 1 | - | - | 1 | 5 | 1 | |
| ANDERE NIET-KASKOSTEN | |||||||||
| (OPBRENGSTEN) | 128 | 123 | 123 | 110 | 23 | 23 | 274 | 256 | |
| KOSTEN VAN ONDERZOEK | |||||||||
| EN ONTWIKKELING | 49 | 40 | 103 | 101 | 10 | 12 | 162 | 153 | |
| AANTAL PERSONEELSLEDEN | |||||||||
| EINDE BOEKJAAR | |||||||||
| (IN VOLTIJDSE HOOFDEN) | 5.434 | 5.587 | 6.060 | 5.983 | 598 | 626 | 12.092 12.196 | ||
| AANTAL PERSONEELSLEDEN | |||||||||
| EINDE BOEKJAAR | |||||||||
| (IN VOLTIJDSE EQUIVALENTEN) | 11.728 11.766 |
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| OPBRENGSTEN | ||
| OPBRENGSTEN VAN DE TE RAPPORTEREN SEGMENTEN | 3.023 | 2.948 |
| OPBRENGSTEN NIET TOEGEWEZEN AAN DE TE RAPPORTEREN SEGMENTEN | - | - |
| GECONSOLIDEERDE OPBRENGSTEN | 3.023 | 2.948 |
| WINST- EN VERLIESREKENING | ||
| RESULTAAT VAN HET SEGMENT | 32 | 236 |
| WINST (VERLIES) UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN NIET | ||
| TOEGEWEZEN AAN DE TE RAPPORTEREN SEGMENTEN | 4 | (2) |
| WINST UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 36 | 234 |
| OVERIGE NIET-TOEWIJSBARE BEDRAGEN: | ||
| FINANCIERINGSBATEN (-KOSTEN) - NETTO | (12) | (11) |
| OVERIGE FINANCIËLE OPBRENGSTEN (KOSTEN) - NETTO | (72) | (83) |
| GECONSOLIDEERDE WINST (VERLIES) VOOR BELASTINGEN | (48) | 140 |
| ACTIVA | ||
| ACTIVA VAN DE TE RAPPORTEREN SEGMENTEN | 2.422 | 2.382 |
| BEDRIJFSACTIVA NIET TOEGEWEZEN AAN DE TE RAPPORTEREN SEGMENTEN | 38 | 39 |
| INVESTERINGEN | 15 | 14 |
| UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN | 224 | 246 |
| INVORDERBARE MINIMALE LEASEBETALINGEN | 109 | 112 |
| DERIVATEN | 1 | 10 |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | 100 | 239 |
| OVERIGE NIET-TOEWIJSBARE ACTIVA | 40 | 44 |
| GECONSOLIDEERDE TOTALE ACTIVA | 2.949 | 3.086 |
| VERPLICHTINGEN | ||
| VERPLICHTINGEN VAN DE TE RAPPORTEREN SEGMENTEN | 806 | 830 |
| BEDRIJFSVERPLICHTINGEN NIET TOEGEWEZEN AAN DE TE RAPPORTEREN SEGMENTEN | 636 | 634 |
| RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN | 367 | 400 |
| UITGESTELDE BELASTINGVERPLICHTINGEN | 52 | 71 |
| DERIVATEN | 14 | 1 |
| OVERIGE NIET-TOEWIJSBARE VERPLICHTINGEN | 79 | 87 |
| GECONSOLIDEERDE TOTALE VERPLICHTINGEN | 1.954 | 2.023 |
| ANDERE MATERIËLE POSTEN 2011 | TOTAAL VAN DE TE | ||
|---|---|---|---|
| RAPPORTEREN | AANPASSINGEN | TOTAAL | |
| MILJOEN EURO | SEGMENTEN | ||
| INVESTERINGSUITGAVEN | 61 | - | 61 |
| AFSCHRIJVINGEN | 89 | - | 89 |
| BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | 5 | - | 5 |
| ANDERE NIET-KASKOSTEN | 274 | (6) | 268 |
| KOSTEN VAN ONDERZOEK EN ONTWIKKELING | 162 | - | 162 |
| NETTOKASSTROMEN UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 54 | (81) | (27) |
| TOTAAL VAN DE TE | ||
|---|---|---|
| RAPPORTEREN | AANPASSINGEN | TOTAAL |
| SEGMENTEN | ||
| 60 | - | 60 |
| 95 | - | 95 |
| 1 | - | 1 |
| 256 | - | 256 |
| 153 | - | 153 |
| 342 | (107) | 235 |
| OPBRENGSTEN | VASTE | |
|---|---|---|
| MILJOEN EURO | PER MARKT2 | ACTIVA3 |
| EUROPA1 | 1.314 | 602 |
| NAFTA | 711 | 327 |
| LATIJNS-AMERIKA | 251 | 19 |
| AZIË/OCEANIË/AFRIKA | 747 | 49 |
| TOTAAL | 3.023 | 997 |
| (1) WAARVAN BELGIË. (2) LOCATIE VAN KLANTEN. |
45 | 164 |
(3) UITGEZONDERD UITGESTELDE BELASTINGSVORDERINGEN.
| OPBRENGSTEN | VASTE | |
|---|---|---|
| MILJOEN EURO | PER MARKT2 | ACTIVA3 |
| EUROPA1 | 1.324 | 613 |
| NAFTA | 650 | 323 |
| LATIJNS-AMERIKA | 253 | 22 |
| AZIË/OCEANIË/AFRIKA | 721 | 49 |
| TOTAAL | 2.948 | 1.007 |
| (1) WAARVAN BELGIË. | 50 | 155 |
(2) LOCATIE VAN KLANTEN.
(3) UITGEZONDERD UITGESTELDE BELASTINGSVORDERINGEN.
Overnames worden verwerkt volgens de overnamemethode. De overnameprijs voor verworven ondernemingen buiten de eurozone wordt omgerekend aan de omrekeningskoers op de overnamedatum. Resultaten van de overgenomen ondernemingen zijn inbegrepen in de geconsolideerde resultaten vanaf de overnamedatum.
In september 2011 verwierf de Groep 100% van de aandelen van WPD Informatica Ltda., één van de voornaamste gezondheidszorg-IT bedrijven in Brazilië. Met deze overname vervolledigt HealthCare haar aanbod op de Braziliaanse markt. Agfa's CIS toepassingen (ORBIS), die reeds in een 1.000-tal zorgcentra in Europa werden geïnstalleerd, worden aangevuld met één van de voornaamste HIS toepassingen van de lokale markt. Dit systeem zal Agfa's klanten een allesomvattend spectrum van medische informatie bieden.
De overnameprijs omvat een betaling in cash van 20 miljoen euro en een voorwaardelijke vergoeding van 2 miljoen euro, die ingehouden wordt door de Groep ter indekking van de verplichting tot schadeloosstelling van de verkoper. Deze vergoeding kan door de Groep ingehouden worden tot een periode van maximum 5 jaar na de overnamedatum, behalve indien er zich tussentijds een situatie voordoet waarbij deze verplichting tot schadeloosstelling kan aangesproken worden. Elk jaar wordt er een evaluatie gemaakt of er al dan niet een deel van de ingehouden vergoeding kan betaald worden aan de verkoper.
De verworven identificeerbare activa en overgenomen verplichtingen zijn gewaardeerd aan hun reële waarde op overnamedatum.
De verworven identificeerbare activa en overgenomen verplichtingen zijn als volgt:
| MILJOEN EURO | TOELICHTING | WPD INFORMATICA LTDA. |
|---|---|---|
| IMMATERIËLE ACTIVA MET BEPERKTE GEBRUIKSDUUR: | ||
| TECHNOLOGIE | 13 | 2 |
| CLIËNTENCONTRACTEN EN -RELATIES | 13 | 3 |
| HANDELSVORDERINGEN | 1 | |
| UITGESTELDE BELASTINGSVERPLICHTINGEN | 12 | (2) |
| IDENTIFICEERBARE NETTO ACTIVA | 4 |
De reële waarde van de immateriële activa zijn berekend volgens een verdisconteerd kasstroommodel. Technologie wordt afgeschreven over een periode van 10 jaar, het merendeel van de verworven cliëntencontracten- en relaties over een periode van 10 jaar. De reële waarde van handelsvorderingen omvat bruto contractuele bedragen van 1 miljoen euro.
Het effect van de overname op de opbrengsten, EBIT en winst (verlies) van de Groep over het boekjaar wordt niet afzonderlijk toegelicht omdat dit praktisch niet haalbaar is. De overname werd onmiddellijk geïntegreerd in de organisatiestructuur van Agfa HealthCare. Deze overname had geen invloed op de winst per aandeel.
Het bedrag aan goodwill uit deze overname bedraagt 18 miljoen euro en werd als volgt berekend:
| MILJOEN EURO | TOELICHTING | WPD INFORMATICA LTDA. |
|---|---|---|
| BETAALDE OVERNAMEPRIJS | 20 | |
| OVERNAMEPRIJS BETAALBAAR IN VOLGENDE BOEKJAREN | 2 | |
| REËLE WAARDE VAN DE IDENTIFICEERBARE NETTO ACTIVA | (4) | |
| GOODWILL | 13 | 18 |
De goodwill op overname heeft betrekking op verwachte synergievoordelen uit de samenvoeging van de bedrijfsactiviteiten in de bestaande IT-activiteiten van de Groep. Het totale bedrag aan goodwill is niet fiscaal aftrekbaar.
Overnamekosten bevatten kosten van diensten geleverd door externe partijen, voornamelijk honoraria. Deze kosten zijn immaterieel en werden geboekt in de geconsolideerde winst- en verliesrekening.
Op 15 januari 2010 verwierf Agfa Graphics het merendeel van de Noord-Amerikaanse activa en verplichtingen van Gandi Innovations Holdings LLC alsook 100% van de aandelen van haar voornaamste buitenlandse dochtervennootschappen. Gandi Innovations is actief in de inkjetmarkt voor grootformaattoepassingen en levert complete middenklassesystemen aan de industrie. De overnameprijs bedroeg 29 miljoen euro.
De verworven identificeerbare activa en de overgenomen verplichtingen zijn gewaardeerd aan hun reële waarde op de overnamedatum.
De verworven identificeerbare activa en overgenomen verplichtingen zijn als volgt:
| MILJOEN EURO | TOELICHTING | GANDI INNOVATIONS |
|---|---|---|
| MATERIËLE VASTE ACTIVA | 14 | 1 |
| VOORRADEN | 15 | |
| HANDELSVORDERINGEN | 20 | |
| OVERIGE VORDERINGEN | 1 | |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | 2 | |
| KORTLOPENDE VERPLICHTINGEN MET BETREKKING TOT HET PERSONEEL | (2) | |
| HANDELSSCHULDEN | (1) | |
| KORTLOPENDE VOORZIENINGEN | (2) | |
| UITGESTELDE OPBRENGSTEN & VOORUITBETALINGEN | (1) | |
| IDENTIFICEERBARE NETTO ACTIVA | 33 |
De overnameprijs betaalbaar in volgende boekjaren bedraagt 9 miljoen euro. De betaling van dit voorwaardelijk deel van de overnameprijs is afhankelijk van de inning van de nog openstaande verworven handelsvorderingen. In de loop van 2011 werd 8 miljoen van de voorwaardelijke overnameprijs betaald. Het overblijvende gedeelte wordt verwacht betaald te worden in de loop van 2012.
De reële waarde van de handels- en overige vorderingen omvat bruto contractuele bedragen ten belope van 35 miljoen euro waarvan op overnamedatum werd verwacht dat 14 miljoen euro oninbaar zou zijn.
Door het feit dat Gandi Innovations sinds mei 2009 actief was onder de bescherming van de CCAA in Canada en van 'Chapter 15' in de Verenigde Staten, was de Groep in staat om de overgenomen netto activa te verwerven tegen een lagere prijs dan de reële waarde ervan.
De winst uit negatieve goodwill bedroeg 4 miljoen euro. Voordat de Groep deze winst opnam heeft zij opnieuw beoordeeld of alle verworven activa en alle overgenomen verplichtingen geïdentificeerd werden in overeenstemming met de vereisten van IFRS 3§36.
De winst uit negatieve goodwill bedraagt 4 miljoen euro en wordt als volgt berekend:
| MILJOEN EURO | GANDI INNOVATIONS |
|---|---|
| BETAALDE OVERNAMEPRIJS | 20 |
| OVERNAMEPRIJS BETAALBAAR IN VOLGENDE BOEKJAREN | 9 |
| REËLE WAARDE VAN DE IDENTIFICEERBARE NETTO ACTIVA | (33) |
| BOEKWINST UIT EEN VOORDELIGE KOOP | (4) |
Op 10 augustus 2010 verwierf de Groep geselecteerde activa en verplichtingen van Harold M. Pitman, een toonaangevende leverancier in de Verenigde Staten van producten en systemen voor drukvoorbereiding, industriële inkjet, pressroom en verpakkingsdrukwerk. Met deze overname zal de Groep zijn positie in de drukindustrie in de VS aanzienlijk versterken. Pitman's klantenbestand en kennis van de industrie zullen groeimogelijkheden bieden voor de industriële inkjet- en drukvoorbereidingsoplossingen van de Groep. De aankoopprijs bedroeg 57 miljoen euro.
De verworven identificeerbare activa en de overgenomen verplichtingen zijn gewaardeerd aan hun reële waarde op overnamedatum.
De verworven identificeerbare activa en overgenomen verplichtingen zijn als volgt:
| MILJOEN EURO | TOELICHTING | HAROLD M. PITMAN COMPANY |
|---|---|---|
| IMMATERIËLE ACTIVA MET EEN BEPERKTE GEBRUIKSDUUR: | ||
| MERKNAMEN | 13 | 8 |
| CLIËNTENCONTRACTEN EN -RELATIES | 13 | 7 |
| MATERIËLE VASTE ACTIVA | 14 | 1 |
| VOORRADEN | 31 | |
| HANDELSVORDERINGEN | 43 | |
| OVERIGE VORDERINGEN | 5 | |
| OVERLOPENDE REKENINGEN | 1 | |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | 4 | |
| KORTLOPENDE VERPLICHTINGEN MET BETREKKING TOT HET PERSONEEL | (1) | |
| HANDELSSCHULDEN | (42) | |
| KORTLOPENDE VOORZIENINGEN | (3) | |
| UITGESTELDE OPBRENGSTEN & VOORUITBETALINGEN | (1) | |
| UITGESTELDE BELASTINGSVERPLICHTINGEN | (1) | |
| IDENTIFICEERBARE NETTO ACTIVA | 52 |
De reële waarde van de handels- en overige vorderingen omvat bruto contractuele bedragen ten belope van 54 miljoen euro waarvan op overnamedatum werd verwacht dat 6 miljoen euro oninbaar zou zijn.
Overgenomen immateriële activa met een beperkte gebruiksduur worden afgeschreven over een periode van 10 jaar. De reële waarde van deze activa werd berekend volgens een verdisconteerd kasstroommodel.
De goodwill op overname heeft voornamelijk betrekking op verwachte synergievoordelen uit de samenvoeging van beide bedrijfsactiviteiten en het arbeidspotentieel. Het totale bedrag van goodwill dat fiscaal aftrekbaar is, bedraagt 5 miljoen euro. De goodwill op overname wordt als volgt berekend:
| MILJOEN EURO | TOELICHTING | HAROLD M. PITMAN COMPANY |
|---|---|---|
| BETAALDE OVERNAMEPRIJS | 57 | |
| REËLE WAARDE VAN DE IDENTIFICEERBARE NETTO ACTIVA | (52) | |
| GOODWILL | 13 | 5 |
In mei 2010 verwierf de Groep de resterende 50% van de aandelen van PlanOrg Medica GmbH, waarmee het deelnemingspercentage in deze onderneming stijgt tot 100%. Als gevolg van de overname werd de investering geherklasseerd uit de categorie 'investeringen verwerkt volgens de equity-methode' en volledig geconsolideerd. In september 2010 fuseerde deze firma met Agfa HealthCare GmbH.
De verworven identificeerbare activa en de overgenomen verplichtingen zijn gewaardeerd aan hun reële waarde op overnamedatum.
De verworven identificeerbare activa en overgenomen verplichtingen zijn als volgt:
| PLANORG MEDICA GMBH | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2010 | AANPASSINGEN GEDURENDE | 2011 | |||
| MILJOEN EURO | DE WAARDERINGSPERIODE | ||||
| VOORRADEN | 1 | 1 | |||
| HANDELSVORDERINGEN | 1 | 1 | |||
| OVERIGE VORDERINGEN | 1 | 1 | |||
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | 5 | 5 | |||
| OVERIGE SCHULDEN | (4) | 1 | (3) | ||
| UITGESTELDE OMZET & VOORUITBETALINGEN | (2) | (2) | |||
| IDENTIFICEERBARE NETTO ACTIVA | 2 | 3 | |||
Op overnamedatum werd verwacht dat de kasstromen verbonden aan de bruto contractuele bedragen van de overgenomen vorderingen zouden kunnen geïnd worden.
De goodwill op overname wordt als volgt berekend:
| PLANORG MEDICA GMBH | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| TOELICHTING | 2010 | AANPASSINGEN GEDURENDE | 2011 | ||
| MILJOEN EURO | DE WAARDERINGSPERIODE | ||||
| BETAALDE OVERNAMEPRIJS | 5 | 5 | |||
| REËLE WAARDE VAN DE IDENTIFICEERBARE NETTO ACTIVA | (2) | (1) | (3) | ||
| REËLE WAARDE VAN DE AANGEHOUDEN INVESTERING | |||||
| IN PLANORG MEDICA GMBH | 1 | 1 | |||
| GOODWILL | 13 | 4 | (1) | 3 |
De goodwill op overname heeft voornamelijk betrekking op verwachte synergievoordelen uit de samenvoeging van beide bedrijfsactiviteiten en bedraagt 4 miljoen euro. Het bedrag aan goodwill is niet fiscaal aftrekbaar. In de loop van 2011, werd het bedrag van de goodwill op overname verminderd met 1 miljoen euro ten gevolge van aanpassingen aan de overgenomen verplichtingen tijdens de waarderingsperiode.
Het effect van de overnames van 2010 op de opbrengsten, EBIT en winst (verlies) van de Groep wordt niet afzonderlijk toegelicht omdat dit praktisch niet haalbaar is. De overnames werden of onmiddellijk geïntegreerd in de organisatiestructuur van de grafische en 'healthcare'- activiteiten van de Groep of werden gegeven de bestaande samenwerking tussen de contractpartijen op het tijdstip van overname verondersteld tot op een hoge mate verweven te zijn met de activiteiten van de Groep.
Bij de uitoefening van haar bedrijfsactiviteit wordt de Groep blootgesteld aan een aantal financiële risico's zoals het valutarisico, het renterisico, het risico verbonden aan de prijsschommelingen van de grondstoffen, het liquiditeitsrisico en het kredietrisico die de financiële positie en het bedrijfsresultaat kunnen beïnvloeden. De doelstellingen, grondslagen en procedures van de Groep inzake het beheer van deze risico's worden beschreven in deze toelichting.
Voor het beheer van de financiële risico's kan de Groep gebruik maken van afgeleide financiële instrumenten. Het gebruik van deze instrumenten is onderworpen aan interne controles en uniforme regelgeving opgesteld door het centraal "Treasury Committee" van de Groep. Dit comité neemt beslissingen over alle financiële transacties afgesloten met derde partijen. Gebruikte derivaten betreffen "over-the counter" financiële instrumenten, voornamelijk termijnwisselverrichtingen. De Groep heeft sinds een aantal jaren 'Metal swap'-overeenkomsten afgesloten.
Het valutarisico is het risico dat de reële waarde of toekomstige kasstromen van een financieel instrument zullen schommelen als gevolg van wisselkoersveranderingen. In het beheer van valutarisico's wordt een onderscheid gemaakt tussen drie types van valutarisico's: het valutatransactierisico, het valutatranslatierisico en het economische risico verbonden aan transacties in vreemde munten.
De Groep is blootgesteld aan een valutatransactierisico op handelsvorderingen en handelsschulden uitgedrukt in een andere munt dan de functionele munt van de onderneming. Het valutatransactierisico ontstaat tevens uit de variabiliteit van de kasstromen uit verwachte toekomstige transacties. De resultaten en financiële positie van groepsondernemingen die een functionele valuta hebben die verschillend is van de euro, zijn onderhevig aan een valutatranslatierisico. Het economisch valutarisico is het risico dat de toekomstige kasstromen en resultaten van de buitenlandse activiteiten kunnen schommelen. Het economische valutarisico is in zeer hoge mate afhankelijk van andere factoren zoals de concurrentiepositie van de buitenlandse activiteit binnen een bedrijfstak, de relatie met klanten en leveranciers.
In het beheer van de valutarisico's richt het centrale thesauriedepartement zich voornamelijk op het valutatransactierisico en het valutatranslatierisico, daar waar het bedrijfsmanagement zich voornamelijk richt op het beheer van het economisch valutarisico door middel van natuurlijke indekkingen.
Elk van bovenvernoemde valutarisico's beïnvloedt de jaarrekening op een verschillende manier. Het centrale thesauriedepartement controleert en beheert de valutarisico's vanuit de impact die ze hebben op zowel de balans als de winsten verliesrekening.
De munten die aanleiding geven tot een valutatransactierisico – op nettobasis – betreffen voornamelijk de US dollar, het pond sterling, de Canadese dollar en de Australische dollar.
Met betrekking tot deze munten was de Groep per 31 december 2011 blootgesteld aan het volgende valutarisico:
| NETTOPOSITIE VAN | INDEKKINGSINSTRUMENTEN | NETTOPOSITIE | ||
|---|---|---|---|---|
| MILJOEN VREEMDE MUNTEENHEID | VORDERINGEN EN SCHULDEN |
GELDMIDDELEN, KASEQUIVALENTEN, LENINGEN EN DEPOSITO'S |
DERIVATEN | |
| 31 DECEMBER 2011 | ||||
| US DOLLAR | 153,2 | (134,6) | 25,5 | 44,1 |
| POND STERLING | 6,9 | (16,4) | 7,8 | (1,7) |
| CANADESE DOLLAR | (0,9) | 1,6 | - | 0,7 |
| AUSTRALISCHE DOLLAR | 19,9 | (9,3) | - | 10,6 |
| 31 DECEMBER 2010 | ||||
| US DOLLAR | 183,7 | (194,6) | 96,5 | 85,6 |
| POND STERLING | 15 | 0,6 | (15,8) | (0,2) |
| CANADESE DOLLAR | (18,6) | (46,3) | 52 | (12,9) |
| AUSTRALISCHE DOLLAR | 14,4 | (36,7) | 27,9 | 5,6 |
In het beheer van de impact van het valutatransactierisico op de balans, tracht de Groep om zowel de gerealiseerde als de nietgerealiseerde wisselkoersresultaten die ontstaan uit de omrekening van balansposten, uitgedrukt in een munt verschillend van de functionele munt van de onderneming, tot een minimum te herleiden.
Teneinde het uitstaande risico te beperken tot vooropgestelde aangepaste risicolimieten, gebruikt het centrale thesauriedepartement derivaten zoals termijnwisselverrichtingen, ter indekking van het wisselkoersrisico verbonden aan in de balans opgenomen monetaire activa en verplichtingen. De uitstaande derivaten per 31 december 2011, zijn termijnwisselverrichtingen met looptijden van minder dan één jaar.
Wanneer derivaten gebruikt worden ter indekking van het wisselkoersrisico verbonden aan in de balans opgenomen monetaire activa en verplichtingen, wordt er geen 'hedge accounting' toegepast. Winsten of verliezen die voortvloeien uit de waardering van deze derivaten tegen reële waarde worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Valutakoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van de resultaten en financiële positie van groepsondernemingen die een functionele munt hebben die verschillend is van de presentatiemunt van de Groep, worden in het eigen vermogen getoond onder valutakoersverschillen, tenzij er een afdekkingmechanisme bestaat.
Alle groepsondernemingen en investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode hebben als functionele munt de munt van het land waarin ze operationeel zijn. Munten die aanleiding geven tot het valutatranslatierisico op de balans betreffen voornamelijk de US dollar en de Canadese dollar.
| NETTO-INVESTERING IN EEN BUITENLANDSE ENTITEIT | ||
|---|---|---|
| MILJOEN VREEMDE MUNTEENHEID | 31 DECEMBER 2011 | 31 DECEMBER 2010 |
| US DOLLAR | 494 | 564 |
| CANADESE DOLLAR | 279 | 269 |
Het centrale thesauriedepartement volgt het translatierisico op kwartaalbasis op en stelt corrigerende acties voor aan het Executive Management indien nodig.
De Groep maakt gebruik van termijnwisselverrichtingen uitgedrukt in US dollar (notioneel bedrag 120 miljoen US dollar) om het valutarisico met betrekking tot de netto-investering in haar dochteronderneming Agfa Corporation (Verenigde Staten) af te dekken. In de loop van 2011 werden de US dollar-leningen met een nominaal bedrag van 120 miljoen US dollar vervangen door termijnwisselverrichtingen. Per 31 december 2011 werd de afdekking van de netto-investering bepaald als een effectieve afdekkingsverrichting. Het effectieve deel van de winst op de afdekkingsinstrumenten werd bijgevolg rechtstreeks in het eigen vermogen opgenomen (24 miljoen euro, voor winstbelastingen).
Het valutarisico dat de winst- en verliesrekening beïnvloedt, omvat het valutarisico dat ontstaat uit de variabiliteit van de kasstromen uit verwachte toekomstige transacties uitgedrukt in vreemde valuta alsook het risico verbonden aan schommelingen van de resultaten van de buitenlandse activiteiten bij de omrekening naar de presentatiemunt (euro). Het centrale thesauriedepartement beheert beide risico's samen.
De munten die het valutarisico op de winst- en verliesrekening beïnvloeden, betreffen voornamelijk de US dollar, de Canadese dollar, het pond sterling, de Australische dollar en munten die nauw verbonden zijn aan de US dollar zoals de Hong Kong dollar en de Chinese renminbi.
Aan de hand van aanbevelingen van het centrale 'Treasury Committee' beslist het Executive Management over de te volgen indekkingspolitiek rekening houdend met de bestaande marktsituatie. De groepsobjectieven inzake beheer van de impact van het valutarisico op de winst- en verliesrekening, zijn om de voorspelbaarheid van de financiële resultaten te verhogen en tevens om ook de bedrijfsuitoefening van de Groep binnen een beperkte tijdshorizon te vrijwaren daar waar zij niet kan inspelen op de snel veranderende economische omgeving. Dit gebeurt door middel van prijsaanpassingen en bijsturingen van de productie.
In 2011 en 2010 duidde de Groep termijnwisselcontracten aan als kasstroomafdekkingen van het vreemde-valutarisico in US dollar en pond sterling waaraan de Groep is blootgesteld op haar zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen in die respectieve munten over de volgende 12 maanden. Het deel van de winsten op de termijnwisselcontracten dat effectief gebleken was, werd geboekt in het eigen vermogen (2011: nul; 2010: 1 miljoen euro). Per einde december 2011 hebben al deze hun vervaldag bereikt. In de loop van 2011 werd een bedrag van 3 miljoen euro geboekt in de niet-gerealiseerde winsten rechtstreeks opgenomen in het eigen vermogen. Een bedrag van 4 miljoen euro werd geherclasseerd uit het eigen vermogen naar de winsten verliesrekening in opbrengsten.
Een versterking of verzwakking van de euro met 10% ten opzichte van de munten vermeld in onderstaande tabel zou onderstaand positief of negatief effect gehad hebben op de winst- en verliesrekening, gegeven dat alle andere risicovariabelen constant gehouden worden. De gevoeligheidsanalyse werd uitgevoerd op de gebudgetteerde nettorisicopositie ingeschat voor het jaar 2011, rekening gehouden met de impact van het gebruik van derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen.
| WINST- EN VERLIESREKENING | ||||
|---|---|---|---|---|
| 2011 | 2010 | |||
| VERSTERKING VAN | VERZWAKKING VAN | VERSTERKING VAN | VERZWAKKING VAN | |
| MILJOEN EURO | DE EURO MET 10% | DE EURO MET 10% | DE EURO MET 10% | DE EURO MET 10% |
| US DOLLAR EN ANDERE MUNTEN | ||||
| NAUW GERELATEERD AAN DE | ||||
| US DOLLAR: HONG KONG | ||||
| DOLLAR - CHINESE RENMINBI | 1,0 | (1,0) | (5,0) | 5,0 |
| CANADESE DOLLAR | 1,3 | (1,3) | 0,9 | (0,9) |
| POND STERLING | (4,0) | 4,0 | (6,8) | 6,8 |
| AUSTRALISCHE DOLLAR | (5,1) | 5,1 | (4,7) | 4,7 |
Het renterisico is het risico dat de reële waarde of toekomstige kasstromen van een financieel instrument zullen schommelen als gevolg van veranderingen in de marktrente. De Groep is blootgesteld aan het renterisico verbonden aan haar netto rentedragende schuldpositie inclusief valutaswaps die leningen en deposito's tussen ondernemingen van de Groep economisch afdekken. Voor de belangrijkste munten is het renteprofiel hiervan op de balansdatum als volgt:
| 2011 | 2010 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| OPGENOMEN BEDRAG AAN RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN |
OPGENOMEN BEDRAG AAN RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN |
||||
| MILJOEN EURO | AAN VLOTTENDE INTERESTVOET |
AAN VASTE INTERESTVOET |
AAN VLOTTENDE INTERESTVOET |
AAN VASTE INTERESTVOET |
|
| EURO | (7) | 265 | (31) | 195 | |
| US DOLLAR | 88 | - | 77 | - | |
| POND STERLING | (11) | - | 18 | - | |
| CHINESE RENMINBI | - | - | 11 | - | |
| AUSTRALISCHE DOLLAR | (33) | - | (39) | - | |
| CANADESE DOLLAR | (21) | - | (21) | - | |
| JAPANSE YEN | 9 | - | 15 | - | |
Een verandering van 100 basispunten ten opzichte van de interestvoeten geldend per 31 december 2011, zou onderstaande stijging (of daling) teweeg hebben gebracht in de resultaten zoals opgenomen in de winst- en verliesrekening en in de afdekkingreserve in het eigen vermogen. In deze gevoeligheidsanalyse zijn alle andere risicovariabelen, zoals wisselkoersen, constant gehouden. De gevoeligheidsanalyse werd voor 2010 op dezelfde basis uitgevoerd.
| WINST- EN VERLIESREKENING | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 31 DECEMBER 2011 | STIJGING MET 100 BASISPUNTEN |
DALING MET 100 BASISPUNTEN |
|||||
| NETTO IMPACT | 0,1 | (0,1) | |||||
| 31 DECEMBER 2010 | |||||||
| NETTO IMPACT | 0,3 | (0,3) |
Het grondstoffenrisico voor de Groep is geconcentreerd rond de grondstoffen zilver en aluminium. Het grondstoffenrisico voor de Groep, zijnde het risico dat de toekomstige kasstromen en resultaten schommelen tengevolge van veranderende materiaalprijzen, hangt nauw samen met andere factoren zoals concurrentiepositie van de Groep en relaties met klanten en leveranciers.
Teneinde het risico op mogelijke prijsstijgingen en prijsschommelingen van de grondstoffen te beperken, past de Groep een strategie toe waarbij grondstoffen deels aan contantkoersen worden aangekocht gecombineerd met een systeem van 'Rolling layered forward buying'. Het systeem van 'Rolling layered forward buying' wordt bereikt via termijnwisselcontracten voor de levering van grondstoffen afgesloten met grondstoffenleveranciers overeenkomstig de verwachte behoefte en effectief gebruik van de Groep.
Het systeem van 'Rolling layered forward buying' werd voornamelijk opgezet om de fluctuaties van grondstofprijzen uit te vlakken. Volgens dit model koopt de Groep een vooraf bepaald percentage van het geplande jaarlijkse verbruik aan grondstoffen aan. Het 'Commodity Steering'- Committee houdt toezicht op de aankoop- en indekkingstrategie. Afwijkingen van het model zijn mogelijk, waarbij het Executive Management een beslissing neemt. Het model houdt tevens rekening met het muntrisico gerelateerd aan grondstofaankopen.
De Groep maakt gebruik van derivaten zoals 'metal swap'-overeenkomsten afgesloten met een investeringsbank die het risico afdekken verbonden aan de verwachte prijsschommelingen van de grondstoffen welke zeer waarschijnlijk zullen worden aangekocht.
In 2011 en 2010 heeft de Groep een aantal 'metal swap'-overeenkomsten afgesloten met een investeringsbank. Deze contracten worden aangeduid als kasstroomafdekkingen van het risico op prijsschommelingen van de grondstoffen welke zeer waarschijnlijk zullen worden aangekocht. Het zijn contracten die afgesloten en gehouden worden voor de levering van grondstoffen, overeenkomstig de verwachte behoefte en effectief gebruik. Het deel van de winst of verliezen op de swap overeenkomsten, dat effectief gebleken is, werd geboekt in het eigen vermogen (31 december 2011: -7 miljoen euro; 31 december 2010: 1 miljoen euro). In de loop van 2011 werd een bedrag van -10 miljoen euro geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten rechtstreeks opgenomen in het eigen vermogen. Een bedrag van 2 miljoen euro winst werd geherclasseerd uit het eigen vermogen naar de winst- en verliesrekening in kostprijs van verkopen.
Het kredietrisico is het risico dat de tegenpartij bij een financieel instrument haar verplichtingen niet kan nakomen waardoor de Groep een financieel verlies te verwerken krijgt. De Groep beheert haar kredietrisico enerzijds door het opleggen van vooraf afgesproken kredietlimieten per tegenpartij en anderzijds door middel van diversificatie in contracterende partijen. Het kredietrisico van de Groep komt voornamelijk voort uit handelsvorderingen, investeringen en termijnwisselverrichtingen. De blootstelling aan het kredietrisico uit handelsvorderingen wordt continu opgevolgd door het 'Credit Committee'. Voor elke klant worden er, gebaseerd op zijn/haar kredietwaardigheid en specifieke karakteristieken, kredietlimieten bepaald die op periodieke basis herzien worden door het 'Credit Committee'. Voor de opvolging van het kredietrisico worden klanten gegroepeerd in risicocategorieën, op basis van welbepaalde financiële karakteristieken. Het beleid van de Groep inzake het beheersen van het kredietrisico bepaalt tevens om een deel van de klantenportefeuille te verzekeren via kredietverzekering teneinde het risico op wanbetaling te beperken.
Goederen worden verkocht met behoud van eigendomstitel tot moment van betaling, zodat de Groep in geval van wanbetaling een rechtmatige eis kan stellen op de verkochte goederen. De Groep eist onder normale omstandigheden geen waarborgen met betrekking tot handels- en diverse vorderingen.
Het is enkel toegelaten om afgeleide financiële instrumenten af te sluiten met tegenpartijen die over een hoge kredietwaardigheid beschikken. Teneinde de concentratie van risico's verbonden aan een tegenpartij te beperken, worden afgeleide financiële instrumenten afgesloten met diverse financiële instellingen. Investeringen zijn enkel toegelaten in activa die vrij verhandelbaar zijn.
Aangezien de Groep over een brede klantenportefeuille beschikt, zijn er geen significante concentraties van kredietrisico op de balansdatum. De respectieve boekwaarden van de financiële activa opgenomen in de balans geven het maximale kredietrisico weer waaraan de Groep is blootgesteld. Het maximale kredietrisico waaraan de Groep blootgesteld is op de rapporteringsdatum, per categorie van financiële activa, is als volgt:
| BLOOTSTELLING AAN KREDIETRISICO | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| --------------------------------- | -- | -- | -- | -- | -- | -- | -- | -- | -- | -- |
| MILJOEN EURO | TOELICHTING | 2011 | 2010 |
|---|---|---|---|
| VOOR VERKOOP BESCHIKBARE FINANCIËLE ACTIVA | |||
| BEGREPEN IN INVESTERINGEN | 15 | 6 | 3 |
| BEGREPEN IN GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | 18 | 2 | - |
| TOT EINDE LOOPTIJD AANGEHOUDEN BELEGGINGEN | |||
| BEGREPEN IN INVESTERINGEN | 15 | 2 | - |
| BEGREPEN IN GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | 18 | 3 | - |
| FINANCIËLE ACTIVA GEWAARDEERD TEGEN REËLE WAARDE | |||
| MET VERWERKING VAN WAARDEVERANDERINGEN IN DE WINST- EN VERLIESREKENING: | |||
| DERIVATEN AANGEDUID ALS KASSTROOMAFDEKKINGEN - ACTIVA | 7E | - | 4 |
| DERIVATEN DIE GEEN DEEL UITMAKEN VAN EEN AFDEKKINGSRELATIE - ACTIVA | 7E | 1 | 6 |
| FINANCIËLE ACTIVA GEWAARDEERD TEGEN REËLE WAARDE MET | |||
| VERWERKING VAN WAARDEVERANDERINGEN IN DE WINST- EN VERLIESREKENING | 15 | 3 | 3 |
| LENINGEN EN VORDERINGEN | |||
| HANDELSVORDERINGEN | 17 | 672 | 619 |
| INVORDERBARE MINIMALE LEASEBETALINGEN | 17 | 109 | 112 |
| OVERIGE FINANCIËLE VORDERINGEN | 17 | 89 | 141 |
| LENINGEN EN VORDERINGEN INBEGREPEN IN INVESTERINGEN | 15 | 2 | 2 |
| KAS, DEPOSITOREKENINGEN EN CHEQUES | 18 | 95 | 239 |
De Groep beoordeelt ieder kwartaal of er objectieve aanwijzingen zijn voor het boeken van waardeverminderingsverliezen op een financieel actief of op een groep van financiële activa. Deze waardeverminderingsverliezen worden geboekt voor het verschil tussen de boekwaarde van de vorderingen en de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen. Individueel belangrijke financiële activa worden op individuele basis beoordeeld op waardeverminderingsverliezen in overleg met het 'Credit Committee'. Bij niet belangrijke financiële activa geschiedt de beoordeling op collectieve basis.
De ouderdomsanalyse van handelsvorderingen, invorderbare minimale leasebetalingen en leningen op de rapporteringsdatum is de volgende:
| 2011 | 2010 | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO | BRUTO WAARDE |
WAARDEVER MINDERINGS VERLIEZEN |
NETTO WAARDE |
BRUTO WAARDE |
WAARDEVER MINDERINGS VERLIEZEN |
NETTO WAARDE |
||
| HANDELSVORDERINGEN | ||||||||
| NIET VERVALLEN | 570 | (5) | 565 | 495 | (5) | 490 | ||
| TUSSEN 0 EN 30 DAGEN NA VERVALDATUM | 41 | (1) | 40 | 39 | (1) | 38 | ||
| TUSSEN 31 EN 90 DAGEN NA VERVALDATUM | 24 | (1) | 23 | 29 | (1) | 28 | ||
| MEER DAN 90 DAGEN NA VERVALDATUM | 116 | (72) | 44 | 149 | (86) | 63 | ||
| TOTAAL HANDELSVORDERINGEN | 751 | (79) | 672 | 712 | (93) | 619 | ||
| INVORDERBARE MINIMALE LEASEBETALINGEN | ||||||||
| NIET VERVALLEN | 109 | (2) | 107 | 112 | (2) | 110 | ||
| TUSSEN 0 EN 30 DAGEN NA VERVALDATUM | 1 | - | 1 | 1 | - | 1 | ||
| TUSSEN 31 EN 90 DAGEN NA VERVALDATUM | 2 | (1) | 1 | 1 | - | 1 | ||
| MEER DAN 90 DAGEN NA VERVALDATUM | 2 | (2) | - | 3 | (3) | - | ||
| TOTAAL INVORDERBARE MINIMALE | ||||||||
| LEASEBETALINGEN | 114 | (5) | 109 | 117 | (5) | 112 | ||
| LENINGEN BEGREPEN IN INVESTERINGEN | ||||||||
| NIET VERVALLEN | 1 | - | 1 | 2 | - | 2 | ||
| TUSSEN 0 EN 30 DAGEN NA VERVALDATUM | - | - | - | - | - | - | ||
| TUSSEN 31 EN 90 DAGEN NA VERVALDATUM | - | - | - | - | - | - | ||
| MEER DAN 90 DAGEN NA VERVALDATUM | 1 | - | 1 | - | - | - | ||
| TOTAAL LENINGEN BEGREPEN IN INVESTERINGEN | 2 | - | 2 | 2 | - | 2 |
Overige vorderingen, vervat in de categorie Leningen en vorderingen, bevatten voornamelijk niet vervallen bedragen. Er werden geen waardeverminderingsverliezen geboekt voor vervallen bedragen waarvoor de inning meer dan waarschijnlijk is of waarvoor voldoende waarborgen verkregen werden.
De mutatie in de voorziening voor waardeverminderingsverliezen met betrekking tot leningen en vorderingen is de volgende:
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| BOEKWAARDE PER 1 JANUARI | 98 | 72 |
| OVERNAMES 2011/2010 | - | 20 |
| TOEVOEGINGEN/TERUGNEMINGEN GEBOEKT IN DE WINST- EN VERLIESREKENING | 3 | 19 |
| AFBOEKING VAN DE VOORZIENING VOOR WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN1 | (17) | (14) |
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | - | 1 |
| BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER | 84 | 98 |
(1) AFBOEKINGEN WAARVOOR EEN VOORZIENING VOOR WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN GEBOEKT WAS.
In de loop van 2011 werd er een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt ten belope van 1 miljoen euro op effecten aangehouden tot einde looptijd tengevolge van financiële moeilijkheden van de uitgever van deze effecten.
Het liquiditeitsrisico is het risico dat de Groep zijn verplichtingen in verband met financiële schulden op vervaldag niet kan nakomen.
De Groep verzekert zich ervan over voldoende liquiditeiten te beschikken om zijn verplichtingen af te lossen. Het liquiditeitsrisico wordt beheerd door het handhaven van voldoende diversificatie in fondsen.
De Groep heeft een beleid geïmplementeerd ten einde concentraties van het liquiditeitsrisico te beperken. De totaliteit van de opgenomen en niet-opgenomen schuld onder gecommitteerde kredietfaciliteiten bij één bank of bankengroep mag vooraf bepaalde limieten niet overschrijden. Risicoconcentraties worden opgevolgd op regelmatige basis door het 'Treasury Committee'.
In het beheer van zijn liquiditeitsrisico heeft de Groep een gecommitteerde kredietfaciliteit ter beschikking. In de loop van 2011 werd deze faciliteit onderhandeld voor een periode tot 31 mei 2016. Het notioneel bedrag van deze faciliteit bedraagt 445 miljoen euro. Geldopnamen onder deze kredietlijnen worden gedaan voor korte periodes maar de Groep heeft, onder de bestaande herfinancieringovereenkomst, de mogelijkheid om de leningen te verlengen voor langere periodes na balansdatum.
In de looptijdanalyse zoals hieronder voorgesteld, zijn de terugbetalingen van de 'revolving multi-currency'-kredietfaciliteit inbegrepen in de vroegste tijdsband dat de Groep verplicht zou kunnen worden tot terugbetaling van de opgenomen verplichtingen. De vroegste tijdsband van deze kredietfaciliteit wordt bepaald door de zesmaandelijkse evaluatie van de vooropgestelde covenanten, zijnde ratio's voornamelijk gebaseerd op EBITDA. Op basis van de bestaande businessplannen, die tevens gebruikt werden in het onderzoek op bijzondere waardevermindering van goodwill, verwacht de Groep om de opnamen onder de 'revolving multi-currency'-kredietfaciliteit te kunnen verlengen tot de contractuele eindvervaldag. Contractuele vervaldagen en nominale bedragen van deze faciliteit worden toegelicht in toelichting 21 Rentedragende verplichtingen.
De contractuele looptijdanalyse voor rentedragende verplichtingen, inclusief aflossing van hoofdbedrag en interestbetalingen, is als volgt:
| 2011 | RESTERENDE CONTRACTUELE LOOPTIJDEN | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| BOEK WAARDE |
CONTRACTUELE NIET GEDISCONTEERDE |
MINDER DAN 3 |
TUSSEN 3 EN 12 MAANDEN |
TUSSEN 1 EN 5 JAAR |
MEER DAN |
||||
| MILJOEN EURO | KASSTROMEN1 | MAANDEN | 5 JAAR | ||||||
| NIET-AFGELEIDE FINANCIËLE VERPLICHTINGEN | |||||||||
| OBLIGATIELENING | 195 | 229 | - | 8 | 221 | - | |||
| REVOLVING MULTI-CURRENCY'- | |||||||||
| KREDIETFACILITEIT - OPGENOMEN BEDRAG2 | 822 | 85 | 85 | - | - | - | |||
| EIB LENING2 | 692 | 84 | 1 | 2 | 67 | 14 | |||
| ANDERE RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN | 20 | 22 | 7 | 8 | 7 | - | |||
| HANDELSSCHULDEN | 275 | 275 | 275 | - | - | ||||
| FINANCIËLE VERPLICHTINGEN VERVAT | |||||||||
| IN OVERIGE TE BETALEN POSTEN | 102 | 102 | 100 | 2 | - | ||||
| AFGELEIDE FINANCIËLE INSTRUMENTEN | |||||||||
| TERMIJNWISSELVERRICHTINGEN AANGEDUID | |||||||||
| ALS AFDEKKING VAN DE NETTO-INVESTERING | |||||||||
| IN EEN BUITENLANDSE ENTITEIT: | |||||||||
| UITGAANDE KASSTROMEN | (3) | (89) | (89) | - | - | - | |||
| INKOMENDE KASSTROMEN | - | 86 | 86 | - | - | - | |||
| ANDERE TERMIJNWISSELVERRICHTINGEN: | |||||||||
| UITGAANDE KASSTROMEN | 0 | (95) | (95) | - | - | - | |||
| INKOMENDE KASSTROMEN | - | 95 | 95 | - | - | - | |||
| SWAP CONTRACTEN AANGEDUID | |||||||||
| ALS KASSTROOMAFDEKKINGEN³ | (10) | (10) | (2) | (8) | - | - |
(1) DE WAARDE VAN DE CONTRACTUELE NIET-GEDISCONTEERDE KASSTROMEN MET BETREKKING TOT NIET-AFGELEIDE FINANCIËLE VERPLICHTINGEN IS BEREKEND OP BASIS VAN VOORWAARDEN DIE BESTONDEN OP DE BALANSDATUM AANGAANDE WISSELKOERSEN EN INTERESTVOETEN. HET OPGENOMEN BEDRAG AAN INTRESTBETALINGEN WERD BEREKEND OP BASIS VAN DE OPGENOMEN SCHULD OP DE BALANSDATUM. DE WAARDE VAN DE CONTRACTUELE NIET-GEDISCONTEERDE KASSTROMEN VAN TERMIJNWISSELVERRICHTINGEN EN RENTE- EN DEVIEZENSWAP WERD BEREKEND OP BASIS VAN TERMIJNWISSELKOERSEN.
(2) DE TRANSACTIEKOSTEN ZIJN GEBOEKT IN MINDERING VAN DE BOEKWAARDE VAN DE FINANCIËLE SCHULD EN WORDEN GESPREID VOLGENS DE EFFECTIEVE INTERESTMETHODE (MULTI-CURRENCY CREDIT FACILITY: 3 MILJOEN EURO, EIB LENING: 1 MILJOEN EURO).
(3) DE RESTERENDE CONTRACUELE LOOPTIJDEN WAT BETREFT DE KASSTROOMAFDEKKINGEN GEVEN DE PERIODEN WEER WAAR IN DE KASSTROMEN ZICH ZULLEN VOORDOEN EN OOK DE PERIODEN WAARIN DE AFDEKKINGSINSTRUMENTEN ZULLEN AFGEWIKKELD WORDEN IN DE WINST- EN VERLIESREKENING.
| 2010 | RESTERENDE CONTRACTUELE LOOPTIJDEN | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| BOEK WAARDE |
CONTRACTUELE NIET GEDISCONTEERDE KASSTROMEN1 |
MINDER DAN 3 MAANDEN |
TUSSEN 3 EN 12 MAANDEN |
TUSSEN 1 EN 5 JAAR |
MEER DAN 5 JAAR |
||||
| MILJOEN EURO | |||||||||
| NIET-AFGELEIDE FINANCIËLE VERPLICHTINGEN | |||||||||
| OBLIGATIELENING | 195 | 237 | - | 8 | 229 | - | |||
| 'REVOLVING MULTI-CURRENCY'- | |||||||||
| KREDIETFACILITEIT - OPGENOMEN BEDRAG | 180 | 180 | 180 | - | - | - | |||
| ANDERE RENTEDRAGENDE LENINGEN | 24 | 25 | 7 | 14 | 1 | 3 | |||
| HANDELSSCHULDEN | 246 | 246 | 246 | - | - | ||||
| FINANCIËLE VERPLICHTINGEN VERVAT | |||||||||
| IN OVERIGE TE BETALEN POSTEN | 136 | 136 | 136 | - | - | ||||
| AFGELEIDE FINANCIËLE INSTRUMENTEN | |||||||||
| TERMIJNWISSELVERRICHTINGEN AANGEDUID | |||||||||
| ALS KASSTROOMAFDEKKINGEN2 : |
|||||||||
| UITGAANDE KASSTROMEN | - | (52) | (52) | - | - | - | |||
| INKOMENDE KASSTROMEN | 1 | 53 | 53 | - | - | - | |||
| ANDERE TERMIJNWISSELVERRICHTINGEN: | |||||||||
| UITGAANDE KASSTROMEN | - | (227) | (227) | - | - | - | |||
| INKOMENDE KASSTROMEN | 4 | 231 | 231 | - | - | - | |||
| RENTE- EN DEVIEZENSWAP: | |||||||||
| UITGAANDE KASSTROMEN | - | (59) | - | (59) | - | - | |||
| INKOMENDE KASSTROMEN | 1 | 60 | - | 60 | - | - |
(1) DE WAARDE VAN DE CONTRACTUELE NIET-GEDISCONTEERDE KASSTROMEN MET BETREKKING TOT NIET-AFGELEIDE FINANCIËLE VERPLICHTINGEN IS BEREKEND OP BASIS VAN VOORWAARDEN DIE BESTONDEN OP DE BALANSDATUM AANGAANDE WISSELKOERSEN EN INTERESTVOETEN. HET OPGENOMEN BEDRAG AAN INTERESTBETALINGEN WERD BEREKEND OP BASIS VAN DE OPGENOMEN SCHULD OP DE BALANSDATUM. DE WAARDE VAN DE CONTRACTUELE NIET-GEDISCONTEERDE KASSTROMEN VAN TERMIJNWISSELVERRICHTINGEN EN RENTE- EN DEVIEZENSWAP WERD BEREKEND OP BASIS VAN TERMIJNWISSELKOERSEN.
(2) DE RESTERENDE CONTRACUELE LOOPTIJDEN WAT BETREFT DE KASSTROOMAFDEKKINGEN GEVEN DE PERIODEN WEER WAARIN DE KASSTROMEN ZICH ZULLEN VOORDOEN EN OOK DE PERIODEN WAARIN DE AFDEKKINGSINSTRUMENTEN ZULLEN AFGEWIKKELD WORDEN IN DE WINST- EN VERLIESREKENING.
De vervaldagstructuur van de financiële leaseverplichtingen wordt toegelicht in toelichting 21 Rentedragende verplichtingen.
Het Executive Management houdt toezicht op de verhouding van de netto financiële schuld ten opzichte van het eigen vermogen. Het Executive Management tracht deze verhouding op een vooropgesteld niveau aan te houden. De netto financiële schuld is de som van kortlopende en langlopende rentedragende verplichtingen verminderd met de geldmiddelen en kasequivalenten. De aanpak van de Groep inzake kapitaalbeheer is niet gewijzigd gedurende het jaar.
De Groep is niet onderworpen aan wettelijk opgelegde kapitaalvereisten, met uitzondering van statutaire minimumkapitaalvereisten van toepassing op groepsfilialen in de verschillende landen.
Gedurende de voorbije jaren kocht de Groep eigen aandelen in op de markt. Deze aandelen dienen ter indekking van de aandelenoptieplannen. De Groep heeft geen vooraf gedefinieerd beleid aangaande terugkoop van eigen aandelen.
De reële waarde is het bedrag waarvoor een actief kan worden verhandeld of een verplichting kan worden afgewikkeld tussen terzake goed geïnformeerde, tot een transactie bereid zijnde partijen die onafhankelijk zijn. Alle afgeleide financiële instrumenten worden tegen reële waarde opgenomen in de balans.
De reële waarden van financiële activa en financiële verplichtingen gegroepeerd per categorie, samen met hun respectieve boekwaarden wordt toegelicht in de tabel hierna. De Groep groepeert haar financiële instrumenten rekening houdend met de kenmerken van de financiële instrumenten.
| 2011 | GEWAARDEERD AAN REËLE WAARDE |
GEWAARDEERD AAN GEAMORTISEERDE KOSTPRIJS |
|||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO | TOELICHTING | GECLASSIFICEERD ALS AANGEHOUDEN VOOR FINANCIËLE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN HANDELSDOELEINDEN |
GEWAARDEERD AAN REËLE WAARDE VIA DE FINANCIËLE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN WINST- EN VERLIESREKENING |
FINANCIËLE ACTIVA AANGEHOUDEN ALS BESCHIKBAAR VOOR VERKOOP |
TOTAAL GEWAARDEERD AAN REËLE WAARDE | FINANCIËLE ACTIVA AANGEHOUDEN ALS BESCHIKBAAR VOOR VERKOOP |
TOT EINDE LOOPTIJD AANGEHOUDEN BELEGGINGEN |
LENINGEN EN VORDERINGEN | AAN GEAMORTISEERDE KOSTPRIJS TOTAAL GEWAARDEERD |
NIET-FINANCIËLE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN | TOTALE BOEKWAARDE |
| FINANCIËLE ACTIVA | |||||||||||
| INVESTERINGEN | 15 | 3 | 3 | 6 | 2 | 2 | 10 | 2 | 15 | ||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 4 | 1 | 2 | ||||||||
| HANDELSVORDERINGEN | 17 | 672 | 672 | 672 | |||||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 672 | ||||||||||
| OVERIGE VORDERINGEN EN OVERIGE | |||||||||||
| VLOTTENDE ACTIVA | 17 | 198 | 198 | 16 | 214 | ||||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 198 | ||||||||||
| DERIVATEN | 7 | 1 | 1 | - | 1 | ||||||
| TERMIJNWISSELVERRICHTINGEN | 1 | 1 | 1 | ||||||||
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | 18 | 2 | 2 | 3 | 95 | 98 | 100 | ||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 2 | 95 | |||||||||
| TOTAAL | 1 | 3 | 2 | 6 | 6 | 5 | 967 | 978 | 18 1.002 | ||
| FINANCIËLE VERPLICHTINGEN | |||||||||||
| RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN | 21 | ||||||||||
| LANGLOPENDE RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN | 157 | 157 | 157 | ||||||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 161 | ||||||||||
| KORTLOPENDE RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN | 14 | 14 | 14 | ||||||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 14 | ||||||||||
| OBLIGATIELENING | 195 | 195 | 195 | ||||||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 173 | ||||||||||
| FINANCIËLE LEASEVERPLICHTINGEN | 1 | 1 | 1 | ||||||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 1 | ||||||||||
| HANDELSSCHULDEN | 23 | 275 | 275 | 275 | |||||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 275 | ||||||||||
| OVERIGE TE BETALEN POSTEN | 23 | 102 | 102 | 47 | 149 | ||||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 102 | ||||||||||
| DERIVATEN | 7 | 14 | 14 | - | 14 | ||||||
| TERMIJNWISSELVERRICHTINGEN | |||||||||||
| AANGEDUID ALS KASSTROOMAFDEKKINGEN | 3 | 3 | 3 | ||||||||
| SWAP CONTRACTEN AANGEDUID | |||||||||||
| ALS KASSTROOMAFDEKKINGEN | 10 | 10 | 10 | ||||||||
| OVERIGE TERMIJNWISSELVERRICHTINGEN | 1 | 1 | 1 | ||||||||
| TOTAAL | 14 | - | - | 14 | - | - | 744 | 744 | 47 | 805 |
| 2010 | GEWAARDEERD AAN REËLE WAARDE |
GEWAARDEERD AAN GEAMORTISEERDE KOSTPRIJS |
|||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO | TOELICHTING | GECLASSIFICEERD ALS AANGEHOUDEN VOOR FINANCIËLE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN HANDELSDOELEINDEN |
GEWAARDEERD AAN REËLE WAARDE VIA DE FINANCIËLE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN WINST- EN VERLIESREKENING |
FINANCIËLE ACTIVA AANGEHOUDEN ALS BESCHIKBAAR VOOR VERKOOP |
TOTAAL GEWAARDEERD AAN REËLE WAARDE | FINANCIËLE ACTIVA AANGEHOUDEN ALS BESCHIKBAAR VOOR VERKOOP |
TOT EINDE LOOPTIJD AANGEHOUDEN BELEGGINGEN |
LENINGEN EN VORDERINGEN | AAN GEAMORTISEERDE KOSTPRIJS TOTAAL GEWAARDEERD |
NIET-FINANCIËLE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN | TOTALE BOEKWAARDE |
| FINANCIËLE ACTIVA | |||||||||||
| INVESTERINGEN | 15 | 3 | 1 | 4 | 2 | 2 | 4 | 6 | 14 | ||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 2 | 2 | |||||||||
| HANDELSVORDERINGEN | 17 | 619 | 619 | 619 | |||||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 619 | ||||||||||
| OVERIGE VORDERINGEN EN | |||||||||||
| OVERIGE VLOTTENDE ACTIVA | 17 | 253 | 253 | 42 | 295 | ||||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 253 | ||||||||||
| DERIVATEN | 7 | 10 | 10 | - | 10 | ||||||
| TERMIJNWISSELVERRICHTINGEN AANGEDUID | |||||||||||
| ALS KASSTROOMAFDEKKINGEN | 1 | 1 | - | 1 | |||||||
| SWAP-CONTRACTEN AANGEDUID | |||||||||||
| ALS KASSTROOMAFDEKKINGEN | 3 | 3 | - | 3 | |||||||
| OVERIGE TERMIJNWISSELVERRICHTINGEN | 5 | 5 | - | 5 | |||||||
| OVERIGE SWAP-CONTRACTEN | 1 | 1 | - | 1 | |||||||
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | 18 | 239 | 239 | 239 | |||||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 239 | ||||||||||
| TOTAAL | 10 | 3 | 1 | 14 | 2 | - | 1.113 | 1.115 | 48 1.177 | ||
| FINANCIËLE VERPLICHTINGEN | |||||||||||
| RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN | 21 | ||||||||||
| RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN | 204 | 204 | 204 | ||||||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 204 | ||||||||||
| OBLIGATIELENING | 195 | 195 | 195 | ||||||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 189 | ||||||||||
| FINANCIËLE LEASEVERPLICHTINGEN | 1 | 1 | 1 | ||||||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 1 | ||||||||||
| HANDELSSCHULDEN | 23 | 246 | 246 | 246 | |||||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 246 | ||||||||||
| OVERIGE TE BETALEN POSTEN | 23 | 136 | 136 | 46 | 182 | ||||||
| REËLE WAARDE (INFORMATIEF) | 136 | ||||||||||
| DERIVATEN | 7 | 1 | 1 | - | 1 | ||||||
| OVERIGE TERMIJNWISSELVERRICHTINGEN | 1 | 1 | 1 | ||||||||
| TOTAAL | 1 | - | - | 1 | - | - | 782 | 782 | 46 | 829 |
De methoden en veronderstellingen toegepast bij het bepalen van de reële waarde van iedere categorie financiële activa of financiële verplichtingen zijn de volgende:
Investeringen in aandelen, andere dan investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode, worden geclassificeerd als financiële activa beschikbaar voor verkoop en worden geboekt aan reële waarde, met uitzondering van de aandelen die niet op een actieve markt zijn genoteerd en waarbij de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan worden bepaald. De reële waarde van financiële activa beschikbaar voor verkoop is hun genoteerde biedkoers op de rapporteringsdatum.
De reële waarden van termijnwisselcontracten zijn de genoteerde marktwaarden op de rapporteringsdatum. De reële waarden van derivaten afgesloten ter afdekking van het renterisico worden berekend op basis van gedisconteerde verwachte toekomstige kasstromen rekening houdend met actuele marktrentevoeten en de rendementscurve over de resterende looptijd van het instrument.
De reële waarde van handelsvorderingen en overige financiële vorderingen is de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen, gedisconteerd aan de marktconforme interestvoeten op de rapporteringsdatum. De reële waarde van invorderbare minimale leasebetalingen is gebaseerd op de contante waarde van de minimum leasebetalingen gedisconteerd aan marktconforme interestvoeten voor vergelijkbare activa.
De reële waarde is de contante waarde van de toekomstige kasstromen voor de aflossing van het hoofdbedrag en de interestbetalingen, gedisconteerd aan marktconforme interestvoeten op de rapporteringsdatum. Met uitzondering van de obligatielening en de lening van Europese Investeringsbank (EIB), zijn de boekwaarden van de financiële verplichtingen een zeer goede benadering van reële waarde gezien het gaat over zeer kortlopende verplichtingen. De reële waarde van de obligatielening is de genoteerde marktprijs op de rapporteringsdatum. De lening van de EIB heeft geen genoteerde marktprijs. De reële waarde van deze lening, zoals opgenomen in de reële waardetabel, is de boekwaarde op rapporteringsdatum, vermeerderd met transactiekosten. Met betrekking tot financiële leaseverplichtingen werd de interestvoet bepaald met referentie tot gelijkaardige lease-overeenkomsten.
Gegevens gebruikt voor de reële-waardebepalingen van financiële instrumenten geboekt tegen reële waarde, zijn geclassificeerd in de reële waardetabel hierna volgens niveau van betekenis. De reële waardetabel heeft volgende hiërarchische niveaus:
| REËLE WAARDETABEL | 31 DECEMBER 2011 HIËRARCHIE VAN REËLE WAARDEBEREKENINGEN |
31 DECEMBER 2010 HIËRARCHIE VAN REËLE WAARDEBEREKENINGEN |
|||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO | NIVEAU 1 |
NIVEAU 2 |
NIVEAU 3 |
NIVEAU 1 |
NIVEAU 2 |
NIVEAU 3 |
|
| FINANCIËLE INSTRUMENTEN GEBOEKT TEGEN REËLE WAARDE | |||||||
| GEWAARDEERD TEGEN REËLE WAARDE | 2 | - | - | 1 | - | - | |
| FINANCIËLE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN GEWAARDEERD | |||||||
| AAN REËLE WAARDE VIA DE WINST- EN VERLIESREKENING | |||||||
| GECLASSIFICEERD ALS AANGEHOUDEN VOOR HANDELSDOELEINDEN | |||||||
| TERMIJNWISSELVERRICHTINGEN AANGEDUID ALS KASSTROOMAFDEKKINGEN: | |||||||
| ACTIVA | - | - | - | - | 1 | - | |
| VERPLICHTINGEN | - | (3) | - | - | - | - | |
| SWAP-CONTRACTEN AANGEDUID ALS KASSTROOMAFDEKKINGEN: | - | ||||||
| ACTIVA | - | - | - | 3 | - | ||
| VERPLICHTINGEN | - | (10) | - | - | - | - | |
| TERMIJNWISSELVERRICHTINGEN NIET AANGEDUID | |||||||
| ALS AFDEKKINGSINSTRUMENTEN IN EEN AFDEKKINGSRELATIE: | |||||||
| ACTIVA | - | 1 | - | - | 5 | - | |
| VERPLICHTINGEN | - | (1) | - | - | (1) | - | |
| RENTE- EN DEVIEZENSWAP NIET AANGEDUID ALS | |||||||
| AFDEKKINGSINSTRUMENTEN IN EEN AFDEKKINGSRELATIE : | |||||||
| ACTIVA | - | - | - | - | 1 | - | |
| VERPLICHTINGEN | - | - | - | - | - | - | |
| GECLASSIFICEERD ALS GEWAARDEERD TEGEN REËLE | |||||||
| WAARDE MET VERWERKING VAN WAARDEVERANDERINGEN | |||||||
| IN DE WINST- EN VERLIESREKENING: | 3 | - | 3 | - | - |
| 2011 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO | VORDERINGEN LENINGEN EN |
TOT EINDE LOOPTIJD AANGEHOUDEN BELEGGINGEN |
BESCHIKBAAR VOOR FINANCIËLE ACTIVA VERKOOP |
AANGEHOUDEN VOOR HANDELSDOELEINDEN FINANCIËLE ACTIVA (DERIVATEN ENKEL) |
VERPLICHTINGEN AAN GEAMORTISEERDE FINANCIËLE KOSTPRIJS |
TOTAAL |
| FINANCIERINGSBATEN | 4 | - | - | - | - | 4 |
| FINANCIERINGSKOSTEN | - | - | - | - | (15) | (15) |
| INKOMSTEN UIT FINANCIËLE LEASEOVEREENKOMSTEN | 11 | - | - | - | - | 11 |
| VERANDERINGEN IN REËLE WAARDE | - | - | - | (6) | - | (6) |
| BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | (15) | (1) | - | - | - | (16) |
| OPBRENGSTEN UIT TERUGNAMES VAN BIJZONDERE | ||||||
| WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | 12 | - | - | - | - | 12 |
| VERLIEZEN UIT VERKOPEN | - | - | (1) | - | - | (1) |
| MILJOEN EURO | VORDERINGEN LENINGEN EN |
TOT EINDE LOOPTIJD AANGEHOUDEN BELEGGINGEN |
BESCHIKBAAR VOOR FINANCIËLE ACTIVA VERKOOP |
AANGEHOUDEN VOOR HANDELSDOELEINDEN FINANCIËLE ACTIVA (DERIVATEN ENKEL) |
VERPLICHTINGEN AAN GEAMORTISEERDE FINANCIËLE KOSTPRIJS |
TOTAAL |
|---|---|---|---|---|---|---|
| FINANCIERINGSBATEN | 5 | - | - | - | - | 5 |
| FINANCIERINGSKOSTEN | - | - | - | - | (15) | (15) |
| INKOMSTEN UIT FINANCIËLE LEASEOVEREENKOMSTEN | 13 | - | - | - | - | 13 |
| VERANDERINGEN IN REËLE WAARDE | - | - | 1 | 3 | - | 4 |
| BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | (31) | - | - | - | - | (31) |
| OPBRENGSTEN UIT TERUGNAMES VAN BIJZONDERE | ||||||
| WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | 11 | - | 2 | - | - | 13 |
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de belangrijkste kosten naar aard:
| MILJOEN EURO | TOELICHTING | 2011 | 2010 |
|---|---|---|---|
| KOSTPRIJS VAN GRONDSTOFFEN, GOEDEREN AANGEKOCHT | |||
| VOOR VERKOOP EN PRODUCTIEGERELATEERDE KOSTEN | 1.497 | 1.274 | |
| KOSTPRIJS VAN DIENSTEN | 98 | 95 | |
| PERSONEELSKOSTEN | 945 | 881 | |
| AFSCHRIJVINGEN & AFWAARDERINGEN | 13/14 | 89 | 95 |
| BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN OP IMMATERIËLE EN MATERIËLE ACTIVA | 5 | 1 | |
| AFWAARDERING OP VOORRADEN | 16 | 24 | 26 |
| BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN OP LENINGEN EN VORDERINGEN | 10 | 15 | 30 |
De kostprijs van de grondstoffen, de goederen aangekocht voor verkoop en productiegerelateerde kosten betreft het totale bedrag aan leveringen van derden (inclusief aankopen van elektriciteit en andere nutsvoorzieningen) voor zover deze opgenomen zijn in de kostprijs van verkopen gedurende het boekjaar.
De evolutie kan verklaard worden door de gestegen grondstofprijzen.
De kostprijs van diensten betreft het extern voorbereidende werk voor de verwerking of productie van producten en projecten in opdracht van de onderneming voor zover deze opgenomen zijn in de kostprijs van verkopen gedurende het boekjaar.
In 2011 bedroegen de personeelskosten 945 miljoen euro ten opzichte van 881 miljoen euro in 2010. De toename van 64 miljoen euro kan voor 48 miljoen verklaard worden door de evolutie van de reorganisatiekosten.
De personeelskosten kunnen als volgt worden opgesplitst:
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| LONEN EN SALARISSEN | 690 | 676 |
| SOCIALE ZEKERHEIDSBIJDRAGEN | 142 | 139 |
| KOSTEN VOOR VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING | 36 | 37 |
| PERSONEELSGERELATEERDE REORGANISATIEKOSTEN | 71 | 23 |
| ANDERE PERSONEELSKOSTEN | 6 | 6 |
| TOTAAL | 945 | 881 |
De kosten voor vergoedingen na uitdiensttreding (2011: 36 miljoen euro, 2010: 37 miljoen euro) hebben betrekking op uitgaven voor 'vaste doel'-regelingen betreffende actieve personeelsleden en uitgaven voor 'vaste bijdrage'-regelingen.
Het gemiddelde aantal personeelsleden in voltijdse equivalenten bedroeg in 2011 11.746 (2010: 11.706). Per functie binnen de Groep kan dit gemiddelde als volgt weergegeven worden:
| 2011 | 2010 | |
|---|---|---|
| PRODUCTIE EN ENGINEERING | 3.755 | 3.799 |
| ONDERZOEK EN ONTWIKKELING | 1.562 | 1.409 |
| VERKOOP & MARKETING/SERVICE | 4.390 | 4.507 |
| ADMINISTRATIE | 2.039 | 1.991 |
| TOTAAL | 11.746 | 11.706 |
De personeelstoename in Onderzoek en Ontwikkeling kan verklaard worden door de overname van WPD in Brazilië en de relocatie van software medewerkers van de functie verkoop, marketing en service naar Onderzoek en Ontwikkeling.
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 177 | 240 |
| DOORREKENING NAAR KLANTEN | 14 | 11 |
| TERUGNAME VAN NIET-GEBRUIKTE VOORZIENINGEN GEBOEKT IN VOORGAANDE JAREN | 13 | 24 |
| TERUGNAME VAN BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN OP VORDERINGEN | 12 | 11 |
| BATEN UIT FINANCIËLE LEASES | 11 | 13 |
| PENSIOENOPBRENGSTEN VAN VERSTREKEN DIENSTTIJD ('VASTE DOEL'-REGELINGEN) | 9 | - |
| WINST UIT VERKOOP VAN MATERIËLE VASTE ACTIVA | 2 | 8 |
| WIJZIGINGEN IN REËLE WAARDE VAN FINANCIËLE INSTRUMENTEN | 2 | 5 |
| BOEKWINST UIT EEN VOORDELIGE KOOP (GANDI) | - | 4 |
| DIVERSE OVERIGE OPBRENGSTEN | 26 | 20 |
| TOTAAL | 266 | 336 |
Wijzigingen in de reële waarde van financiële instrumenten hebben voornamelijk betrekking op veranderingen in reële waarde van derivaten die niet toegewezen zijn als afdekkingsinstrumenten doch economische indekkingen zijn van operationele activiteiten (2011: 3 miljoen euro; 2010: 1 miljoen euro), en op nettoverliezen voortvloeiend uit de ineffectiviteit van derivaten toegewezen als kasstroomafdekkingen (2011: min 1 miljoen euro; 2010: 4 miljoen euro).
Inkomsten uit doorbelastingen aan klanten bevatten voornamelijk doorbelastingen van vrachtkosten en kosten van Onderzoek en Ontwikkeling.
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 182 | 230 |
| REORGANISATIEKOSTEN | 781 | 26 |
| BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN OP VORDERINGEN | 15 | 30 |
| VOORZIENINGEN | 6 | 4 |
| BANKKOSTEN | 4 | 3 |
| WIJZIGINGEN IN REËLE WAARDE VAN FINANCIËLE INSTRUMENTEN | 3 | 5 |
| BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN OP IMMATERIËLE ACTIVA EN MATERIËLE VASTE ACTIVA | 3 | 1 |
| KOSTEN VAN OPERATIONELE EN FINANCIËLE LEASING | 1 | 1 |
| VERLIES BIJ BUITENGEBRUIKSTELLING VAN VASTE ACTIVA | 1 | 1 |
| DIVERSE OVERIGE KOSTEN | 32 | 38 |
| TOTAAL | 325 | 339 |
(1) BEVAT BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN OP MATERIËLE VASTE ACTIVA VOOR EEN BEDRAG VAN 2 MILJOEN EURO.
Wijzigingen in de reële waarde van financiële instrumenten hebben voornamelijk betrekking op veranderingen in reële waarde van derivaten die niet toegewezen zijn als afdekkingsinstrumenten (2011: 3 miljoen euro; 2010: 1 miljoen euro) en op verliezen voortvloeiend uit de ineffectiviteit van derivaten toegewezen als kasstroomafdekkingen (2011: nul; 2010: 4 miljoen euro).
In 2011 registreerde de Groep reorganisatiekosten ten belope van 78 miljoen euro (2010: 26 miljoen euro). Deze kosten omvatten opzeggingsvergoedingen ten belope van 71 miljoen euro (2010: 23 miljoen euro).
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| FINANCIERINGSBATEN | ||
| OP BANKDEPOSITO'S | 3 | 3 |
| TOTAAL FINANCIERINGSBATEN | 3 | 3 |
| FINANCIERINGSKOSTEN OP FINANCIËLE SCHULDEN GEWAARDEERD AAN GEAMORTISEERDE KOSTPRIJS | ||
| OP BANKLENINGEN | (7) | (5) |
| OP OBLIGATIELENING | (8) | (9) |
| TOTAAL FINANCIERINGSKOSTEN | (15) | (14) |
| OVERIGE FINANCIERINGSBATEN | ||
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 127 | 241 |
| FINANCIËLE ACTIVA GEWAARDEERD AAN REËLE WAARDE MET REËLE WAARDEVERANDERINGEN | ||
| GEBOEKT IN DE WINST- EN VERLIESREKENING, AANGEHOUDEN VOOR HANDELSDOELEINDEN: | ||
| NETTOVERANDERINGEN IN DE REËLE WAARDE VAN AFGELEIDE FINANCIËLE | ||
| INSTRUMENTEN NIET TOEGEWEZEN ALS AFDEKKINGSINSTRUMENTEN | 23 | 71 |
| LENINGEN EN VORDERINGEN: | ||
| FINANCIERINGSBATEN OP HANDELS- EN OVERIGE VORDERINGEN | 1 | 2 |
| FINANCIËLE ACTIVA BESCHIKBAAR VOOR VERKOOP: | ||
| TERUGNAME VAN BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | ||
| OP FINANCIËLE ACTIVA BESCHIKBAAR VOOR VERKOOP | - | 2 |
| OVERIGE FINANCIERINGSBATEN | 2 | - |
| TOTAAL OVERIGE FINANCIERINGSBATEN | 153 | 316 |
| OVERIGE FINANCIERINGSKOSTEN | ||
| PENSIOENLAST VAN DE PERIODE DIE ALS OVERIGE FINANCIËLE OPBRENGSTEN (KOSTEN) | ||
| WORDT BEHANDELD EN RENTEAANDEEL OP OVERIGE RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN1 | (60) | (73) |
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | (121) | (244) |
| LENINGEN EN VORDERINGEN: | ||
| BIJZONDER WAARDEVERMINDERINGSVERLIES OP LENINGEN | - | (1) |
| FINANCIËLE SCHULDEN GEWAARDEERD AAN GEAMORTISEERDE KOSTPRIJS: | ||
| FINANCIERINGSKOSTEN OP FINANCIËLE SCHULDEN DIE GEEN DEEL UITMAKEN VAN DE | ||
| NETTO FINANCIËLE SCHULDPOSITIE | - | (1) |
| FINANCIERINGSKOSTEN OP OVERIGE SCHULDEN | (5) | (3) |
| AFWIKKELING VAN DE INTERESTCOMPONENT VAN FINANCIËLE SCHULDEN GEWAARDEERD | ||
| AAN GEAMORTISEERDE KOSTPRIJS | (1) | - |
| FINANCIËLE ACTIVA GEWAARDEERD AAN REËLE WAARDE MET REËLE WAARDEVERANDERINGEN GEBOEKT | ||
| IN DE WINST- EN VERLIESREKENING, AANGEHOUDEN VOOR HANDELSDOELEINDEN: | ||
| NETTOVERANDERINGEN IN DE REËLE WAARDE VAN AFGELEIDE FINANCIËLE INSTRUMENTEN | ||
| NIET TOEGEWEZEN ALS AFDEKKINGSINSTRUMENTEN | (28) | (68) |
| FINANCIËLE ACTIVA BESCHIKBAAR VOOR VERKOOP: | ||
| VERLIEZEN OP DE VERKOOP VAN EFFECTEN BESCHIKBAAR VOOR VERKOOP | (1) | - |
| TOT EINDE LOOPTIJD AANGEHOUDEN BELEGGINGEN BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN |
(1) | - |
| OVERIGE FINANCIERINGSKOSTEN | (8) | (9) |
| TOTAAL OVERIGE FINANCIERINGSKOSTEN | (225) | (399) |
| NETTOFINANCIERINGSKOSTEN | (84)2 | (94)2 |
(1) HET RENTEAANDEEL OP OVERIGE RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN OMVAT VOORNAMELIJK DE INTERESTEN OP DE VERPLICHTINGEN VOOR BRUGPENSIOEN.
(2) BOVENVERMELDE NETTOFINANCIERINGSKOSTEN BEVATTEN VOLGENDE FINANCIERINGSBATEN EN FINANCIERINGSKOSTEN UIT FINANCIËLE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN DIE NIET GECLASSIFICEERD ZIJN IN DE CATEGORIE FINANCIËLE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN TEGEN REËLE WAARDE MET WAARDEVERANDERINGEN OPGENOMEN IN DE WINST-EN VERLIESREKENING.
| TOTALE FINANCIERINGSBATEN OP FINANCIËLE ACTIVA | 4 | 5 |
|---|---|---|
| TOTALE FINANCIERINGSKOSTEN OP FINANCIËLE VERPLICHTINGEN | (15) | (15) |
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| VERSCHULDIGDE WINSTBELASTINGEN | 16 | 27 |
| OVER HET BOEKJAAR VERSCHULDIGDE WINSTBELASTINGEN | 19 | 24 |
| OVER VOORGAANDE BOEKJAREN VERSCHULDIGDE WINSTBELASTINGEN | (3) | 3 |
| UITGESTELDE WINSTBELASTINGEN | 7 | 9 |
| WINSTBELASTINGEN | 23 | 36 |
| WINST (VERLIES) VOOR BELASTINGEN | (48) |
|---|---|
| WINSTBELASTINGEN | 23 |
| BELASTINGTARIEF | (47,92%) |
Aansluiting tussen het gemiddelde effectieve belastingtarief en het toepasselijke belastingtarief
| WINST VOOR BELASTINGEN | (48) |
|---|---|
| HET PRODUCT VAN DE WINST VOOR BELASTINGEN EN HET TOEPASSELIJKE BELASTINGTARIEF | (17) |
| TOEPASSELIJKE BELASTINGTARIEF1 | 35,42% |
| FISCAAL NIET AFTREKBARE LASTEN | 7 |
| IMPACT VAN VERMINDERINGEN VAN DE BELASTBARE BASIS | (34) |
| FISCAAL VRIJGESTELDE OPBRENGSTEN | (1) |
| IMPACT VAN VOORZIENINGEN VOOR WINSTBELASTINGEN | (3) |
| IMPACT VAN GEBRUIKTE FISCALE VERLIEZEN | (2) |
| FISCALE VERLIEZEN WAARVOOR GEEN UITGESTELDE BELASTINGVORDERING WERD OPGENOMEN | 6 |
| UITGESTELDE FISCAAL AFTREKBARE VOORZIENINGEN | 42 |
| OVERIGE AFTREKBARE TIJDELIJKE VERSCHILLEN WAARVOOR GEEN UITGESTELDE BELASTINGVORDERING WERD ERKEND | 15 |
| TEGENBOEKING VAN VOORHEEN GEBOEKTE UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN: | |
| VOORNAMELIJK MET BETREKKING TOT TIJDELIJKE VERSCHILLEN | 14 |
| UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN ERKEND OP FISCAAL VERREKENBARE TEGOEDEN | (3) |
| OVERIGE | (1) |
| WINSTBELASTINGEN | 23 |
| GEMIDDELDE EFFECTIEVE BELASTINGTARIEF | (47,92%) |
(1) HET TOEPASSELIJKE BELASTINGTARIEF IS HET GEWOGEN GEMIDDELDE BELASTINGTARIEF VAN DE ONDERNEMING EN AL HAAR GECONSOLIDEERDE DOCHTERONDERNEMINGEN.
MILJOEN EURO
| WINST (VERLIES) VOOR BELASTINGEN | 140 |
|---|---|
| WINSTBELASTINGEN | 36 |
| BELASTINGTARIEF | 25,71% |
| WINST VOOR BELASTINGEN | 140 |
|---|---|
| HET PRODUCT VAN DE WINST VOOR BELASTINGEN EN HET TOEPASSELIJKE BELASTINGTARIEF | 46 |
| TOEPASSELIJKE BELASTINGTARIEF1 | 32,86% |
| FISCAAL NIET AFTREKBARE LASTEN | 7 |
| IMPACT VAN FISCAAL VERREKENBARE TEGOEDEN EN ANDERE VERMINDERINGEN VAN DE BELASTBARE BASIS | (26) |
| FISCAAL VRIJGESTELDE OPBRENGSTEN (DIVIDENDEN EN WINSTEN OP DE VERKOOP VAN AANDELEN) | - |
| IMPACT BELASTINGCONTROLES | 3 |
| ONGEBRUIKTE VOORWAARTSE VERLIESCOMPENSATIE WAARVOOR GEEN UITGESTELDE BELASTINGVORDERING WERD OPGENOMEN | 8 |
| IMPACT GEBRUIKTE FISCALE VERLIEZEN IN 2010 WAARVOOR IN HET VERLEDEN | |
| GEEN UITGESTELDE BELASTINGVORDERING WERD OPGENOMEN | (3) |
| TEGENBOEKING VAN VOORHEEN GEBOEKTE UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN: | |
| VOORNAMELIJK MET BETREKKING TOT FISCALE VERLIEZEN | 10 |
| UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN ERKEND OP VERLIEZEN VAN VORIGE JAREN | (10) |
| IMPACT VAN DIVIDENDEN BINNEN DE GROEP | 2 |
| OVERIGE | (1) |
| WINSTBELASTINGEN | 36 |
| GEMIDDELDE EFFECTIEVE BELASTINGTARIEF | 25,71% |
(1) HET TOEPASSELIJKE BELASTINGTARIEF IS HET GEWOGEN GEMIDDELDE BELASTINGTARIEF VAN DE ONDERNEMING EN AL HAAR GECONSOLIDEERDE DOCHTERONDERNEMINGEN.
De uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen kunnen als volgt worden toegewezen:
| 31 DECEMBER 2011 | 31 DECEMBER 2010 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO | ACTIVA | VERPLICH TINGEN |
NETTO | ACTIVA | VERPLICH TINGEN |
NETTO | |
| IMMATERIËLE ACTIVA | 110 | 41 | 69 | 136 | 46 | 90 | |
| MATERIËLE VASTE ACTIVA | 9 | 27 | (18) | 10 | 29 | (19) | |
| INVESTERINGEN | 8 | - | 8 | 8 | - | 8 | |
| VOORRADEN | 18 | 11 | 7 | 21 | 1 | 20 | |
| VORDERINGEN | 5 | 10 | (5) | 9 | 8 | 1 | |
| VOORZIENINGEN EN VERPLICHTINGEN WEGENS | |||||||
| VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING | 35 | 49 | (14) | 41 | 41 | - | |
| ANDERE VLOTTENDE ACTIVA & OVERIGE VERPLICHTINGEN | 17 | - | 17 | 12 | 10 | 2 | |
| UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN | |||||||
| EN -VERPLICHTINGEN MET BETREKKING TOT | |||||||
| TIJDELIJKE VERSCHILLEN | 202 | 138 | 64 | 237 | 135 | 102 | |
| NIET-GECOMPENSEERDE FISCALE VERLIEZEN | 96 | - | 96 | 65 | - | 65 | |
| ONGEBRUIKTE FISCAAL VERREKENBARE TEGOEDEN | 12 | - | 12 | 8 | - | 8 | |
| UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN | |||||||
| EN -VERPLICHTINGEN VOOR SALDERING | 310 | 138 | 172 | 310 | 135 | 175 | |
| SALDERING | (86) | (86) | - | (64) | (64) | - | |
| UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN | |||||||
| EN -VERPLICHTINGEN | 224 | 52 | 172 | 246 | 71 | 175 |
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden gecompenseerd als ze betrekking hebben op winstbelastingen geheven door dezelfde belastingautoriteit.
Uitgestelde belastingvorderingen worden erkend wanneer er voldoende zekerheid is over de beschikbaarheid van toekomstige belastbare winsten om de tijdelijke verschillen, niet-gecompenseerde fiscale verliezen en ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden te kunnen gebruiken. De Groep beoordeelt op geregelde tijdstippen de realiseerbaarheid van haar uitgestelde belastingvorderingen, voornamelijk op basis van de langetermijnplanning voor de bedrijfssegmenten Graphics en HealthCare en rekening houdend met de winsten uit het verleden en geschatte toekomstige fiscale winsten van de betreffende geconsolideerde entiteiten. Andere parameters zoals het verwachte tijdstip van de afwikkeling van bestaande tijdelijke verschillen en strategieën inzake planning van de fiscale winst worden eveneens bij deze beoordeling in aanmerking genomen.
Belangrijke wijzigingen aan bedrijfsplannen en/of goederen- en dienstenstromen die de fiscale winsten of verliezen van bepaalde entiteiten van de Groep beïnvloeden kunnen de realisatie van uitgestelde belastingvorderingen impacteren. Verschillen die ontstaan tussen reële resultaten en gemaakte assumpties of toekomstige veranderingen aan dergelijke assumpties, kan resulteren in het tegenboeken van bepaalde uitgestelde belastingvorderingen wat aanleiding geeft tot een verhoogd effectief belastingtarief voor de Groep.
Voor de niet-gecompenseerde fiscale verliezen, de ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden en tijdelijke verschillen werden geen uitgestelde belastingvorderingen opgenomen voor onderstaande bedragen omdat het niet waarschijnlijk is dat er toekomstige fiscale winst beschikbaar zal zijn waarmee deze kunnen worden verrekend:
De impact van de uitgestelde belastingvordering op de ongebruikte tijdelijke verschillen, de ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden en de niet-gecompenseerde fiscale verliezen vervalt als volgt:
| TIJDELIJKE VERSCHILLEN | FISCALE VERLIEZEN | BELASTINGKREDIETEN | TOTAAL | |
|---|---|---|---|---|
| VERVALT IN: | ||||
| 2012 | - | - | - | - |
| 2013 | - | 1 | 2 | 3 |
| 2014 | - | - | 1 | 1 |
| 2015 | - | 1 | - | 1 |
| 2016 | - | 3 | - | 3 |
| NA | - | 7 | 13 | 20 |
| ZONDER VERVALDAG | 122 | 173 | 27 | 322 |
| TOTAAL | 122 | 185 | 43 | 350 |
| MILJOEN EURO | 31 DECEMBER 2009 | WIJZIGING IN CONSOLIDATIEKRING | WINST- EN VERLIESREKENING OPGENOMEN IN DE |
OPGENOMEN IN HET EIGEN VERMOGEN |
VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 31 DECEMBER 2010 | WIJZIGING IN CONSOLIDATIEKRING | WINST- EN VERLIESREKENING OPGENOMEN IN DE |
OPGENOMEN IN HET EIGEN VERMOGEN |
VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 31 DECEMBER 2011 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| IMMATERIËLE ACTIVA | 107 | (3) | (15) | - | 1 | 90 | (2) | (20) | - | 1 | 69 |
| MATERIËLE VASTE ACTIVA | (16) | 1 | - | - | (1) | (19) | - | 1 | - | - | (18) |
| INVESTERINGEN | 8 | - | - | - | - | 8 | - | - | - | - | 8 |
| VOORRADEN | 12 | (1) | (3) | - | 1 | 20 | - | (13) | - | - | 7 |
| VORDERINGEN | (2) | 2 | - | - | 1 | 1 | - | (6) | - | - | (5) |
| VOORZIENINGEN EN VERPLICHTINGEN | |||||||||||
| WEGENS VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING | 6 | - | (8) | - | 2 | - | - | (13) | - | (1) | (14) |
| ANDERE VLOTTENDE ACTIVA & OVERIGE VERPLICHTINGEN | (6) | - | 8 | - | - | 2 | - | 10 | 5 | - | 17 |
| UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN | |||||||||||
| EN -VERPLICHTINGEN MET BETREKKING | |||||||||||
| TOT TIJDELIJKE VERSCHILLEN | 109 | (1) | (10) | - | 4 | 102 | (2) | (41) | 5 | - | 64 |
| NIET-GECOMPENSEERDE FISCALE VERLIEZEN | 66 | - | (2) | - | 1 | 65 | - | 30 | - | 1 | 96 |
| ONGEBRUIKTE FISCAAL VERREKENBARE TEGOEDEN | 5 | - | 3 | - | - | 8 | - | 4 | - | - | 12 |
| UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN | |||||||||||
| EN -VERPLICHTINGEN | 180 | (1) | (9) | - | 5 | 175 | (2) | (7) | 5 | 1 172 |
| IMMATERIËLE ACTIVA MET ONBEPAALDE GEBRUIKSDUUR |
IMMATERIËLE ACTIVA MET EEN BEPERKTE GEBRUIKSDUUR |
|||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO | GOODWILL | MERKNAMEN | ONTWIKKELINGSKOSTEN GEACTIVEERDE |
TECHNOLOGIE | CLIËNTENCONTRACTEN EN -RELATIES |
MERKNAMEN | INFORMATIESYSTEMEN MANAGEMENT |
RECHTEN EN ANDERE LICENTIES INDUSTRIËLE EIGENDOMS |
VOORUITBETALINGEN OP IMMATERIËLE ACTIVA |
TOTAAL |
| AANSCHAFFINGSWAARDE PER 31 DECEMBER 2009 | 553 | 17 | 36 | 211 | 90 | 5 | 93 | 73 | - | 1.078 |
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 31 | - | - | 3 | 1 | - | 3 | (2) | - | 36 |
| WIJZIGING IN CONSOLIDATIEKRING | 9 | - | - | - | 7 | 8 | - | - | - | 24 |
| INVESTERINGSUITGAVEN | - | - | 4 | - | 4 | - | 1 | 3 | - | 12 |
| BUITENGEBRUIKSTELLINGEN | - | - | - | - | - | - | - | (6) | - | (6) |
| OVERBOEKINGEN | - | - | - | - | - | - | 4 | 1 | - | 5 |
| AANSCHAFFINGSWAARDE PER 31 DECEMBER 2010 | 593 | 17 | 40 | 214 | 102 | 13 | 101 | 69 | - | 1.149 |
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 5 | - | - | - | 1 | - | 1 | (4) | - | 3 |
| WIJZIGING IN CONSOLIDATIEKRING | 18 | - | - | 2 | 4 | - | - | - | - | 24 |
| INVESTERINGSUITGAVEN | - | - | 2 | - | - | - | 1 | 3 | - | 6 |
| BUITENGEBRUIKSTELLINGEN | (1) | - | - | - | - | - | - | (4) | - | (5) |
| OVERBOEKINGEN | - | - | - | - | - | - | - | 3 | 1 | 4 |
| AANSCHAFFINGSWAARDE PER 31 DECEMBER 2011 | 615 | 17 | 42 | 216 | 107 | 13 | 103 | 67 | 1 | 1.181 |
| GEACCUMULEERDE AFSCHRIJVINGEN EN BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN PER 31 DECEMBER 2009 |
85 | 4 | 21 | 113 | 60 | 5 | 86 | 56 | - | 430 |
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 5 | - | - | 2 | - | - | 3 | (1) | - | 9 |
| WIJZIGING IN CONSOLIDATIEKRING | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| AFSCHRIJVINGEN VAN HET JAAR | - | - | 6 | 13 | 3 | - | 5 | 4 | - | 31 |
| BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| BUITENGEBRUIKSTELLINGEN | - | - | - | - | - | - | - | (1) | - | (1) |
| OVERBOEKINGEN | - | - | (1) | - | - | - | - | 1 | - | - |
| GEACCUMULEERDE AFSCHRIJVINGEN EN | ||||||||||
| BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | ||||||||||
| PER 31 DECEMBER 2010 | 90 | 4 | 26 | 128 | 63 | 5 | 94 | 59 | - | 469 |
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 1 | - | - | - | - | - | 1 | (3) | - | (1) |
| WIJZIGING IN CONSOLIDATIEKRING | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| AFSCHRIJVINGEN VAN HET JAAR | - | - | 6 | 14 | 4 | 1 | 4 | 3 | - | 32 |
| BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | - | - | - | - | 1 | - | - | - | - | 1 |
| BUITENGEBRUIKSTELLINGEN | - | - | - | - | - | - | - | (1) | - | (1) |
| OVERBOEKINGEN | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| GEACCUMULEERDE AFSCHRIJVINGEN EN | ||||||||||
| BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | ||||||||||
| PER 31 DECEMBER 2011 | 91 | 4 | 32 | 142 | 68 | 6 | 99 | 58 | - | 500 |
| BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2009 | 468 | 13 | 15 | 98 | 30 | 0 | 7 | 17 | - | 648 |
| BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2010 | 503 | 13 | 14 | 86 | 39 | 8 | 7 | 10 | - | 680 |
| BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2011 | 524 | 13 | 10 | 74 | 39 | 7 | 4 | 9 | 1 | 681 |
Investeringsuitgaven voor immateriële activa bedragen 6 miljoen euro. De investeringen in immateriële activa zoals weergegeven in het geconsolideerd kasstroomoverzicht bedragen 5 miljoen euro. Het verschil van 1 miljoen euro betreft toegekende emissierechten die niet resulteerden in kasuitgaven.
Tengevolge van overnames in 2011, zijn de immateriële activa toegenomen met 24 miljoen euro, waarvan 23 miljoen betrekking heeft op de overname van WPD Informatica Ltda. De resterende 1 miljoen euro heeft betrekking op cliëntencontracten en -relaties die Agfa Graphics NV verworven heeft van Litho Supplies (UK) Ltd. Verdere informatie over de immateriële activa verworven bij de overname van WPD Informatica Ltda. wordt verstrekt in toelichting 6.
In de loop van 2011 daalde het bedrag van de goodwill uit de overname van 50 procent van de aandelen van PlanOrg Medica GmbH verworven in 2010 met 1 miljoen euro. Deze daling is het gevolg van een wijziging in de identificeerbare netto activa gedurende de waarderingsperiode.
In 2010 waren de immateriële activa toegenomen met 24 miljoen euro door overnames, waarvan 20 miljoen euro betrekking heeft op de overname van Harold M. Pitman Company. De resterende 4 miljoen euro betreft goodwill op 50 procent van de aandelen van PlanOrg Medica GmbH die in juni 2010 verworven zijn. Meer informatie wordt verstrekt onder toelichting 6.
In 2010 bedroegen de investeringsuitgaven voor immateriële activa 12 miljoen euro. Deze bevatten de cliëntencontracten en -relaties die Agfa Graphics NV verworven heeft van zijn zakenpartner Shenzhen Brothers voor een bedrag van 4 miljoen euro.
Op het einde van 2011 en 2010 heeft de Groep haar goodwill en immateriële activa met onbepaalde gebruiksduur, zijnde merken volledig toegewezen aan het operationele segment HealthCare, getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. Er waren echter geen indicaties tot mogelijke bijzondere waardevermindering. Bovendien heeft de Groep onderzocht of er een indicatie was die wijst op een mogelijke bijzondere waardevermindering voor de immateriële activa met beperkte gebruiksduur. Dit resulteerde in een bijzondere waardevermindering van de cliëntencontracten en -relaties voor een bedrag van 1 miljoen euro in 2011.
Het management van de Groep heeft op het einde van 2011 beoordeeld of de gebruiksduur van haar belangrijkste immateriële activa nog terecht is. Dit resulteerde niet in een herziening van de afschrijvingstermijnen. In rubriek (B) worden de onderliggende veronderstellingen van de gebruiksduur verder toegelicht.
Voor de jaarrekening van de Groep wordt de goodwill jaarlijks onderzocht op bijzondere waardevermindering, en telkens er een aanwijzing is die wijst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. In het kader van het onderzoek op bijzondere waardevermindering is goodwill toegerekend aan een kasstroomgenererende eenheid.
Overeenkomstig de definitie van kasstroomgenererende eenheid, heeft het management van de Groep, de te rapporteren segmenten als kasstroomgenererende eenheden geïdentificeerd, zijnde Graphics, HealthCare en Specialty Products. Het te rapporteren segment vertegenwoordigt het laagste niveau binnen de Groep waarop goodwill opgevolgd wordt voor interne managementdoeleinden.
Goodwill wordt getoetst voor bijzondere waardevermindering door vergelijking van de boekwaarde van elke kasstroomgenererende eenheid met haar realiseerbare waarde. De realiseerbare waarde van de kasstroomgenererende eenheid is bepaald aan de hand van de berekende bedrijfswaarde.
De bedrijfswaarde wordt bepaald als de contante waarde van verwachte toekomstige kasstromen welke worden afgeleid van de huidige lange termijnplanning van de Groep. De disconteringsvoet die gebruikt wordt in de bepaling van de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen is een disconteringsvoet die gebaseerd is op een gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC). De gewogen gemiddelde kapitaalkost is gebaseerd op deze van een gemiddelde marktparticipant van een groep van peers waarbij een extra risicocomponent toegevoegd werd aan de kost van eigen vermogen. De kost van vreemd vermogen is gebaseerd op voorwaarden die vergelijkbare bedrijven voor hun langetermijnfinanciering zouden kunnen negociëren.
De disconteringsvoet voor belastingen is afgeleid van de gewogen gemiddelde kapitaalkost bij wijze van iteratie.
Het risico verbonden aan de verwachtingen van zilver- en aluminium prijsevoluties werd verrekend in de toekomstige kasstromen.
Per 31 december 2011 omvat de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid Graphics goodwill ten bedrage van 35 miljoen euro.
Per jaareinde 2011, heeft de Groep de goodwill behorende tot de kasstroomgenererende eenheid Graphics getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. Rekening houdend met de gebruikte veronderstellingen is de bedrijfswaarde van de eenheid groter dan haar boekwaarde en is er geen bijzondere waardevermindering geboekt.
De bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid Graphics is bepaald op basis van kasstroomvoorspellingen over de komende vier jaar. De kasstroomprognoses werden bepaald op basis van een formeel door de Raad van Bestuur goedgekeurd strategisch bedrijfsplan. Na vier jaar wordt de residuele waarde van de kasstroomgenererende eenheid bepaald, rekening houdend met een groeivoet van 0,0% in de 'prepress'- activiteit, van 3,0% in de 'inkjet'-toepassingen en een groeivoet van 2,0% in de verpakkingsactiviteiten.
De belangrijkste veronderstellingen gebruikt in de beoordeling van een mogelijke bijzondere waardevermindering zijn bepaald door het management van het segment Graphics en zijn gebaseerd op prestaties uit het verleden en de verwachtingen inzake marktontwikkeling.
Deze zijn als volgt:
Er werd een sensitiviteitsanalyse uitgevoerd waarbij het effect onderzocht werd van een redelijkerwijs mogelijke wijziging van de gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC) op de bedrijfswaarde van de eenheid. De gevoeligheidsanalyse was gebaseerd op een stijging van 100 basispunten van de gewogen gemiddelde kapitaalkost. Deze wijziging heeft geen risico tot mogelijk bijzonder waardeverminderingsverlies aangetoond. Op basis van voornoemde gevoeligheidsanalyse is het management ervan overtuigd dat een redelijkerwijs mogelijke wijziging in een belangrijke veronderstelling waarop management zijn bepaling van de realiseerbare waarde van de eenheid heeft gebaseerd, geen aanleiding zal geven tot het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies.
Er dient tevens vermeld te worden dat de Groep het effect van gestegen zilverprijzen op haar financiële positie zal trachten te verlichten onder andere door verkoopprijsaanpassingen en door het nemen van kostenbesparingsmaatregelen, afhankelijk van de omvang van de grondstoffenprijsstijgingen, van de evolutie van de geldende muntkoersen en de algemene marktomstandigheden.
Per 31 december 2011 omvat de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid HealthCare goodwill ten belope van 488 miljoen euro.
Per jaareinde 2011, heeft de Groep de goodwill behorende tot de kasstroomgenererende eenheid HealthCare getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. Rekening houdend met de gebruikte veronderstellingen is de bedrijfswaarde van de eenheid groter dan haar boekwaarde en is er geen bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt.
De bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid HealthCare wordt bepaald op basis van kasstroomvoorspellingen over de komende vijf jaar. De kasstroomprognoses werden bepaald op basis van een formeel door de Raad van Bestuur goedgekeurd strategisch bedrijfsplan. Na vijf jaar wordt de residuele waarde van de kasstroomgenererende eenheid bepaald, rekening houdend met een groeivoet voor de divisie Information Technology Solutions (IT) van 2,09% en een negatieve groeivoet voor de divisie Imaging Systems van 1,05%.
De belangrijkste veronderstellingen gebruikt in de beoordeling van een mogelijke bijzondere waardevermindering zijn bepaald door het management van het te rapporteren segment HealthCare en zijn gebaseerd op prestaties uit het verleden en de verwachtingen inzake marktontwikkeling.
Deze zijn als volgt:
Er werd een sensitiviteitsanalyse uitgevoerd waarbij het effect onderzocht werd van een redelijkerwijs mogelijke wijziging in een belangrijke gehanteerde veronderstelling op de bedrijfswaarde van de eenheid zoals een substantieel verhoogde zilverprijs of wijzigingen van de gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC). De gevoeligheidsanalyse was gebaseerd op een aanzienlijke stijging van de zilverprijs (+5 USD/Troz. over de langetermijnperiode) en een stijging van 100 basispunten van de gewogen gemiddelde kapitaalkost. Een gecombineerde wijziging van beide parameters heeft geen risico tot mogelijk bijzonder waardeverminderingsverlies aangetoond. Op basis van voornoemde gevoeligheidsanalyse is het management ervan overtuigd dat een redelijkerwijs mogelijke wijziging in een belangrijke veronderstelling waarop management zijn bepaling van de realiseerbare waarde van de eenheid heeft gebaseerd, geen aanleiding zal geven tot het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies. Er dient tevens vermeld te worden dat de Groep het effect van gestegen zilverprijzen op haar financiële positie zal trachten te verlichten onder andere door verkoopprijsaanpassingen en door het nemen van kostenbesparingsmaatregelen, afhankelijk van de omvang van de grondstoffenprijsstijgingen, van de evolutie van de geldende muntkoersen en de algemene marktomstandigheden.
Per 31 december 2011 omvat de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid Specialty Products goodwill ten bedrage van 1 miljoen euro.
Voor de kasstroomgenererende eenheid Specialty Products is de berekende bedrijfswaarde groter dan haar boekwaarde. De bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid Specialty Products wordt bepaald op basis van verwachte kasstromen over de komende vijf jaar. De verwachte kasstromen zijn bepaald op basis van een formeel door de Raad van Bestuur goedgekeurd plan. Het vijfjarenplan van het bedrijfssegment Specialty Products voorziet een groei in nieuwe activiteiten op basis van Agfa's kerncompetenties (Industrial Foils, geleidende polymeren, materialen voor identiteitsdocumenten, industriële inkjetinkten en synthetisch papier) welke de verwachte daling in de klassieke filmactiviteit zou moeten compenseren. Het management verwacht bijgevolg een verbetering van de brutowinstmarge.
De gebruiksduur van een immaterieel actief is de periode waarin het actief verwacht wordt bij te dragen, op een directe of op een indirecte wijze, tot de toekomstige kasstromen van de Groep. Verworven technologie en cliëntencontracten en -relaties zijn de meest belangrijke immateriële activa van de Groep.
Voor verworven technologie is de schatting van de resterende gebruiksduur gebaseerd op een analyse van factoren zoals typische productlevenscycli in de industrie en technologische en economische veroudering voortkomende hoofdzakelijk uit verwachte acties van concurrenten en potentiële concurrenten.
Op 31 december 2011 bedroeg de netto boekwaarde van de door de Groep verworven technologie 74 miljoen euro (2010: 86 miljoen euro). De door de Groep verworven technologie heeft een geschatte gewogen gemiddelde resterende gebruiksduur van ongeveer 9 jaar. De gebruiksduur van immateriële activa wordt regelmatig beoordeeld en herzien indien noodzakelijk.
Voor verworven cliëntencontracten en -relaties is de schatting van de resterende gebruiksduur gebaseerd op ratio's die het verval van cliëntenrelaties weergeven. Voor de schatting van dergelijke ratio's beoordeelt de Groep de waarschijnlijkheid dat bestaande contracten worden hernieuwd. Voor de beoordeling van de waarschijnlijkheid dat bestaande contracten worden hernieuwd, worden de vraag, de concurrentie en andere factoren zoals technologische afhankelijkheid en daarmee verband houdende 'sunk costs' in overweging genomen.
Op 31 december 2011 bedroeg de netto boekwaarde van de door de Groep verworven cliëntencontracten en -relaties 39 miljoen euro (2010: 39 miljoen euro). De door de Groep verworven cliëntencontracten en -relaties hebben een geschatte gewogen gemiddelde resterende gebruiksduur van ongeveer 11 jaar. De gebruiksduur van immateriële activa wordt regelmatig beoordeeld en herzien indien noodzakelijk.
Hoewel de Groep van oordeel is dat de gebruikte veronderstellingen (zoals de productlevenscycli en de ratio's die het verval van cliëntenrelaties weergeven) geschikt zijn, kunnen belangrijke verschillen in actuele ervaring een impact hebben op de toekomstige afschrijvingslast voor de Groep.
| MILJOEN EURO | TERREINEN, GEBOUWEN EN INFRASTRUCTUUR |
TECHNISCHE UITRUSTING MACHINES EN |
MATERIËLE VASTE ACTIVA MEUBILAIR EN OVERIGE |
VASTE ACTIVA IN AANBOUW EN VOORUITBETALINGEN OP MATERIËLE VASTE ACTIVA |
TOTAAL |
|---|---|---|---|---|---|
| AANSCHAFFINGSWAARDE PER 31 DECEMBER 2009 | 360 | 1.467 | 246 | 18 | 2.091 |
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 6 | 22 | 7 | - | 35 |
| WIJZIGING IN CONSOLIDATIEKRING | 1 | 1 | 2 | - | 4 |
| INVESTERINGSUITGAVEN | 3 | 14 | 9 | 22 | 48 |
| BUITENGEBRUIKSTELLINGEN | (9) | (21) | (15) | - | (45) |
| OVERBOEKINGEN | 1 | 4 | 0 | (11) | (6) |
| AANSCHAFFINGSWAARDE PER 31 DECEMBER 2010 | 362 | 1.487 | 249 | 29 | 2.127 |
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 2 | 3 | 1 | - | 6 |
| WIJZIGING IN CONSOLIDATIEKRING | - | - | - | - | - |
| INVESTERINGSUITGAVEN | 2 | 14 | 10 | 29 | 55 |
| BUITENGEBRUIKSTELLINGEN | (2) | (6) | (37) | (1) | (46) |
| OVERBOEKINGEN | 8 | 26 | 3 | (40) | (3) |
| AANSCHAFFINGSWAARDE PER 31 DECEMBER 2011 | 372 | 1.524 | 226 | 17 | 2.139 |
| GEACCUMULEERDE AFSCHRIJVINGEN EN BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN |
|||||
| PER 31 DECEMBER 2009 | 251 | 1.293 | 221 | - | 1.765 |
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 4 | 16 | 5 | - | 25 |
| WIJZIGING IN CONSOLIDATIEKRING | - | 1 | 1 | - | 2 |
| AFSCHRIJVINGEN VAN HET JAAR | 8 | 42 | 14 | - | 64 |
| BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | - | 1 | - | - | 1 |
| BUITENGEBRUIKSTELLINGEN | (8) | (21) | (13) | - | (42) |
| OVERBOEKINGEN | - | - | (1) | - | (1) |
| GEACCUMULEERDE AFSCHRIJVINGEN EN | |||||
| BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | |||||
| PER 31 DECEMBER 2010 | 255 | 1.332 | 227 | - | 1.814 |
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN WIJZIGING IN CONSOLIDATIEKRING |
1 - |
2 - |
- - |
- - |
3 - |
| AFSCHRIJVINGEN VAN HET JAAR | 8 | 38 | 11 | - | 57 |
| BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | - | 4 | - | - | 4 |
| BUITENGEBRUIKSTELLINGEN | (2) | (5) | (34) | - | (41) |
| OVERBOEKINGEN | - | - | 1 | - | 1 |
| GEACCUMULEERDE AFSCHRIJVINGEN EN | |||||
| BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | |||||
| PER 31 DECEMBER 2011 | 262 | 1.371 | 205 | - | 1.838 |
| BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2009 | 109 | 174 | 25 | 18 | 326 |
| BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2010 | 107 | 155 | 22 | 29 | 313 |
| BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2011 | 110 | 153 | 21 | 17 | 301 |
In 2011 bedroegen de investeringsuitgaven voor materiële vaste activa 55 miljoen euro, waarvan 29 miljoen euro betrekking heeft op activa in aanbouw voor ecologische en efficiëntieverhogende projecten in de productie in België, Duitsland, Brazilië en Canada.
De Groep, als lessee, houdt voornamelijk productie-uitrusting aan onder financiële lease. Op het einde van de leaseperiode heeft de Groep de optie om het actief te kopen tegen een voordelige prijs. Per eind december 2011 bedroeg de nettoboekwaarde van de materiële vaste activa aangehouden onder financiële lease 1 miljoen euro (2010: 1 miljoen euro). Het materieel dat onder financiële lease wordt aangehouden vormt de waarborg voor de leaseverplichtingen (toelichting 21). De leasebetalingen omvatten geen voorwaardelijke leasebetalingen.
De Groep, als lessor, heeft ook een aantal activa onder operationele lease in haar balans opgenomen onder de rubriek 'Overige materiële vaste activa'. Per eind december 2011 bedroeg de nettoboekwaarde van de materiële vaste activa onder operationele lease 2 miljoen euro (2010: 3 miljoen euro). De minimale leasebetalingen onder niet-opzegbare operationele leaseovereenkomsten worden weergegeven in toelichting 25.
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| TOT EINDE LOOPTIJD AANGEHOUDEN BELEGGINGEN | 2 | - |
| FINANCIËLE ACTIVA GEWAARDEERD AAN REËLE WAARDE MET | ||
| VERWERKING VAN WAARDEVERANDERINGEN IN DE WINST- EN VERLIESREKENING | 3 | 3 |
| VOOR VERKOOP BESCHIKBARE FINANCIËLE ACTIVA | 6 | 3 |
| INVESTERINGEN IN GEASSOCIEERDE DEELNEMINGEN EN OVERIGE INVESTERINGEN | 2 | 6 |
| LENINGEN EN VORDERINGEN | 2 | 2 |
| TOTAAL | 15 | 14 |
Voor verkoop beschikbare financiële activa omvatten investeringen, andere dan investeringen verwerkt volgens de 'equity' methode, en worden geboekt aan reële waarde, met uitzondering van de aandelen die niet op een actieve markt zijn genoteerd en waarvoor de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan worden bepaald. De categorie voor verkoop beschikbare financiële activa bevat per einde december 2011 investeringen gewaardeerd aan kostprijs. In de loop van 2011 tengevolge van een verandering in het deelnemingspercentage wordt een investering niet langer verwerkt volgens de 'equity'-methode. Deze investering werd alsdusdanig geherclassificeerd in de categorie financiële activa beschikbaar voor verkoop (2011: 5 miljoen euro).
Financiële activa gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening omvatten aandelen in een beleggingsmaatschappij en werden bij eerste opname specifiek toegewezen aan deze categorie van financiële activa. Veranderingen in de reële waarde van zowel het financieel actief als de daarmee samenhangende verplichting worden beide opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Tot einde looptijd aangehouden beleggingen bevatten beleggingen in schuldpapier met vaste vervaldag einde 2013.
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| GROND- EN HULPSTOFFEN | 90 | 72 |
| GOEDEREN IN BEWERKING EN HALFAFGEWERKTE PRODUCTEN | 171 | 143 |
| AFGEWERKTE PRODUCTEN | 53 | 45 |
| HANDELSGOEDEREN INCLUSIEF WISSELSTUKKEN | 266 | 260 |
| GOEDEREN ONDERWEG EN ANDERE VOORRADEN | 59 | 63 |
| TOTAAL | 639 | 583 |
De afwaarderingen van de voorraden naar opbrengstwaarde bedroegen 24 miljoen euro in 2011 (2010: 26 miljoen euro). In de geconsolideerde winst- en verliesrekening zijn de afwaarderingen in de kostprijs van verkopen verwerkt. Op 31 december 2011 heeft de Groep geen voorraden gewaardeerd aan reële waarde minus verkoopkosten.
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| FINANCIËLE ACTIVA GECLASSIFICEERD ALS LENINGEN EN VORDERINGEN | 870 | 872 |
| HANDELSVORDERINGEN | 672 | 619 |
| INVORDERBARE MINIMALE LEASEBETALINGEN | 109 | 112 |
| OVERIGE FINANCIËLE ACTIVA | 89 | 141 |
| UITGESTELDE AANKOOPPRIJS IN HET KADER VAN SECURITISATIEPROGRAMMA'S | - | 62 |
| VORDERINGEN TEN OPZICHTE VAN ONDERNEMINGEN BEHORENDE TOT DE AGFAPHOTO GROEP | 37 | 31 |
| VERWORVEN RENTE | 1 | 1 |
| TE ONTVANGEN SUBSIDIES | 1 | 4 |
| OVERIGE FINANCIËLE ACTIVA | 50 | 43 |
| OVERIGE ACTIVA | 16 | 42 |
| TOTAAL | 886 | 914 |
Overige vorderingen en overige vlottende activa zoals gepresenteerd in de geconsolideerde balans ten belope van 214 miljoen euro (2010: 295 miljoen euro), omvatten: invorderbare minimale leasebetalingen ten belope van 109 miljoen euro (2010: 112 miljoen euro), overige financiële activa ten belope van 89 miljoen euro (2010: 141 miljoen euro) en overige activa ten belope van 16 miljoen euro (2010: 42 miljoen euro).
De blootstelling aan het kredietrisico uit handelsvorderingen van de Groep wordt beschreven in toelichting 7.
Aangezien de Groep over een brede klantenportefeuille beschikt, waren er in 2011 geen significante concentraties van kredietrisico. Verdere informatie met betrekking tot het maximale kredietrisico per categorie van financiële activa wordt verschaft in toelichting 7.
Lease-overeenkomsten waarbij de tegenpartij, de lessee, als economische eigenaar van het actief wordt beschouwd, worden opgenomen als vordering voor een bedrag gelijk aan de contante waarde van de toekomstige minimale leasebetalingen. De contante waarden van de toekomstige minimale leasebetalingen bedroegen 114 miljoen euro (2010: 117 miljoen euro) per 31 december 2011 en zullen tot aan het einde van de leaseperiode financieringsbaten voor een bedrag van 14 miljoen euro genereren (2010: 13 miljoen euro). Per 31 december 2011 bedroegen de waardeverminderingen op deze vorderingen 5 miljoen euro (2010: 5 miljoen euro).
De minimale leasebetalingen zijn als volgt:
| 2011 | 2010 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO | TOTAAL VAN DE TOEKOMSTIGE MINIMALE LEASE BETALINGEN |
ONVERDIENDE FINANCIERINGS BATEN |
CONTANTE WAARDE VAN DE TOEKOMSTIGE MINIMALE LEASE BETALINGEN |
TOTAAL VAN DE TOEKOMSTIGE MINIMALE LEASE BETALINGEN |
ONVERDIENDE FINANCIERINGS BATEN |
CONTANTE WAARDE VAN DE TOEKOMSTIGE MINIMALE LEASE BETALINGEN |
| NIET LATER DAN ÉÉN JAAR | 54 | 6 | 48 | 55 | 6 | 49 |
| LATER DAN ÉÉN JAAR EN | ||||||
| NIET LATER DAN VIJF JAAR | 73 | 8 | 65 | 74 | 7 | 67 |
| LATER DAN VIJF JAAR | 1 | - | 1 | 1 | - | 1 |
| TOTAAL | 128 | 14 | 114 | 130 | 13 | 117 |
De Groep sluit voor bepaalde uitrusting financiële lease-overeenkomsten af voornamelijk via Agfa Finance (zijnde Agfa Finance NV, haar filialen en Agfa Finance Corp.) en via Agfa-verkooporganisaties in Mexico en Latijns-Amerika.
Bij het aangaan van de lease-overeenkomst bedraagt de contante waarde van de minimale leasebetalingen doorgaans ten minste 90% van de reële waarde van de activa die onder een financiële lease worden aangehouden.
Het overgrote deel van de lease-overeenkomsten afgesloten met Agfa Finance hebben een niet-opzegbare leaseperiode van vier jaar. Meestal voorzien de overeenkomsten in een koopoptie voor het actief na het verstrijken van de leaseperiode aan een waarde die doorgaans tussen de 2% en 5% van de bruto-investering bij het afsluiten van de lease-overeenkomst bedraagt. In sommige gevallen wordt de reële waarde van het actief terugbetaald door middel van een koopverplichting voor verbruiksgoederen aan een hogere waarde dan hun marktwaarde. In dit geval dient de toeslag hoog genoeg te zijn om het initieel door de lessor geïnvesteerde bedrag te dekken. In deze overeenkomsten kan de toeslag en/of de leaseperiode veranderd worden.
Agfa Finance biedt haar diensten aan via haar dochterondernemingen in Canada, Frankrijk, Italië en Polen, via haar bijkantoren in Europa (Spanje, Zwitserland, Benelux, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en de Scandinavische landen) en Japan, en via Agfa Finance Corp. in de Verenigde Staten. Per 31 december 2011 bedroeg de contante waarde van de minimale leasebetalingen 112 miljoen euro (2010: 115 miljoen euro).
Agfa-verkooporganisaties in Mexico, Brazilië, Argentinië en Colombia bieden hun klanten financiering aan voor grafische uitrusting met een gemiddelde resterende leaseperiode van twaalf maanden. Per 31 december 2011 bedroeg de contante waarde van de minimale leasebetalingen 2 miljoen euro (2010: 2 miljoen euro).
In 2011 heeft de Groep een deel van de leaseportfolio ter waarde van 2 miljoen euro verkocht (2010: 23 miljoen euro).
In de loop van 2009 heeft de Groep securitisatieprogramma's opgestart met een consortium van drie banken. De verschillende overeenkomsten die in het kader van de securitisatieprogamma's werden afgesloten omvatten een aankoopovereenkomst die een werkelijke verkoop van vorderingen vertegenwoordigt. In het kader van deze programma's beschikte de Groep tot en met juni 2011 over een maximum financieringscapaciteit van 160 miljoen euro. Per 31 december 2010, was 38 miljoen euro van deze financieringscapaciteit benut.
De securitisatieprogramma's liepen af per einde juni 2011.
Voornoemde overeenkomst voorzag in periodieke betalingen die een initiële aankoopprijs omvatte die bij elke verkooptransactie werd bepaald en een mechanisme van uitgestelde aankoopprijs dat rekening hield met het risico op verwatering.
Per 31 december 2010 bedroeg de vordering die resulteert uit het mechanisme van uitgestelde aankoopprijs en het tijdsverschil tussen de verkoopdatum en de betaaldatum van de verkochte vorderingen, 62 miljoen euro.
In het kader van de verkoop van haar Consumer Imaging activiteiten aan de AgfaPhoto groep van vennootschappen heeft de Groep toegestemd om voor een beperkte periode te opereren als een dienstverlener en distributeur voor de AgfaPhoto groep van vennootschappen.
Sinds het failissement van AgfaPhoto GmbH werden met verschillende curatoren in verschillende landen dadingen overeengekomen, terwijl de curator van AgfaPhoto GmbH in december 2007 een aanvraag tot arbitrage indiende bij het ICC Internationale Arbitragehof in Parijs, Frankrijk, in verband met een geschil over dergelijke openstaande saldi.
In 2008 diende de curator van AgfaPhoto Austria Ges.m.b.H. eveneens een aanvraag tot arbitrage in bij het ICC Internationale Arbitragehof, met betrekking tot een geschil over de openstaande saldi betreffende de distributie-, leverings- en dienstenovereenkomsten in Oostenrijk.
Beide ICC arbitrageprocedures zijn nog lopende.
De Groep heeft voldoende voorzieningen en afwaarderingen op uitstaande vorderingen geboekt voor waarschijnlijke verliezen die verband houden met de verschillende distributie-, leverings- en dienstenovereenkomsten.
De geldmiddelen en kasequivalenten omvatten de volgende bestanddelen:
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| EFFECTEN BESCHIKBAAR VOOR VERKOOP | 5 | - |
| KAS, DEPOSITOREKENINGEN EN CHEQUES | 95 | 239 |
| ONDERPAND VOOR DERIVATEN (METAL SWAPS) | 11 | - |
| OVERIGE KAS, DEPOSITOREKENINGEN EN CHEQUES | 84 | 239 |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN ZOALS GERAPPORTEERD IN DE GECONSOLIDEERDE BALANS | 100 | 239 |
| VORDERINGEN INGEVOLGE LIQUIDITEITSOVEREENKOMST | ||
| (IN DE BALANS OPGENOMEN ONDER DE RUBRIEK OVERIGE VORDERINGEN) | - | - |
| SCHULDEN INGEVOLGE LIQUIDITEITSOVEREENKOMST | ||
| (IN DE BALANS OPGENOMEN ONDER DE RUBRIEK OVERIGE VERPLICHTINGEN) | (2) | (1) |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN ZOALS WEERGEGEVEN IN HET GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT | 98 | 238 |
De diverse componenten van het eigen vermogen evenals de wijzigingen tussen 1 januari 2010 en 31 december 2011 worden weergegeven in de Geconsolideerde Staat van het Eigen Vermogen.
Het maatschappelijk kapitaal van de Onderneming per 1 januari 2010 bedraagt 140 miljoen euro, verdeeld over 128.888.282 volstorte gewone aandelen zonder nominale waarde.
Op 18 oktober 2010 besliste de raad van Bestuur tot de uitgifte van 42.962.760 aandelen zonder nominale waarde met VVPR-Strips tegen een uitgifteprijs van 3,45 euro per nieuw aandeel. Alle uitgegeven aandelen zijn volledig onderschreven. De uitgifte van de aandelen werd toegewezen aan maatschappelijk kapitaal (47 miljoen euro) en aan uitgiftepremie (101 miljoen euro). Transactiekosten verbonden aan de uitgifte van de nieuwe aandelen zijn opgenomen in mindering van ingehouden winsten (4 miljoen euro).
Per 31 december 2011 bedraagt het maatschappelijk kapitaal van de Onderneming 187 miljoen euro, verdeeld over 171.851.042 volstorte gewone aandelen zonder nominale waarde.
De reserve voor eigen aandelen bevat de kostprijs van de ingekochte eigen aandelen. Volgens de bepalingen van het openbare aanbod, werd aan de aandeelhouders van de Groep één preferentieel inschrijvingsrecht toegekend per bestaand aandeel. De inschrijvingsrechten werden niet uitgeoefend door de Onderneming, doch verkocht. De inkomsten uit de verkoop van de preferentiële inschrijvingsrechten (VVPR Strips) bedragen 1 miljoen euro en werden geboekt in ingehouden winsten. Per 31 december 2011 hield de Groep 4.099.852 (2010: 4.099.852) eigen aandelen aan.
In de loop van 2010, werden vernietigde eigen aandelen geherclasseerd uit de categorie 'Eigen aandelen' naar de categorie 'Ingehouden Winsten'. Deze herclassering bedraagt 214 miljoen euro.
Noch in 2011, noch in 2010 werden er aandelenopties uitgeoefend.
In overeenstemming met IFRS 2 werd de berekende reële waarde van de eigen-vermogensinstrumenten toegekend onder het 'Long Term Incentive Plan' tranche 5, tranche 6, tranche 6a, tranche 7 en tranche 8 in voorgaande jaarperiode gespreid in kost genomen over de wachtperiode met een overeenkomstige opboeking van het eigen vermogen. In 2011 werd het bedrag van de reële waarde van de eigen-vermogensinstrumenten (12 miljoen euro) geherclasseerd naar ingehouden winsten.
De reële waardereserve bevat de herwaardering van de deelneming van de Groep in Medivision Medical Imaging Ltd., aangeduid als financieel actief beschikbaar voor verkoop.
Per 31 december 2011 bevat de afdekkingsreserve zowel 'metal swap'-overeenkomsten alsook termijnwisselcontracten voor een totaal bedarg van min 7 miljoen euro (31 december 2010: 2 miljoen euro).
Gedurende 2011 en 2010 heeft de Groep een aantal 'metal swap'-overeenkomsten afgesloten met een investeringsbank. Deze contracten worden aangeduid als kasstroomafdekkingen van het risico op prijsschommelingen van de grondstoffen welke zeer waarschijnlijk zullen worden aangekocht. Het betreft contracten die zijn afgesloten en worden gehouden in verband met de ontvangst van grondstoffen overeenkomstig de verwachte behoefte van de Groep ten aanzien van gebruik. Het deel van de winsten (verliezen) op de swap-overeenkomsten, dat effectief gebleken is, werd geboekt in het eigen vermogen (31 december 2011: min 7 miljoen euro; 31 december 2010: 1 miljoen euro).
In de loop van 2011 en 2010 duidde de Groep termijnwisselcontracten aan als kasstroomafdekkingen van het vreemdevalutarisico in US dollar en Pond Sterling met betrekking tot zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen in die respectieve munten voor de volgende 12 maanden. Het deel van de winsten op de termijnwisselcontracten, dat effectief gebleken is (31 december 2011: 0 miljoen euro; 31 december 2010: 1 miljoen euro), werd geboekt in eigen vermogen. Per einde decemer 2011 bereikten alle openstaande contracten hun vervaldag.
De valutakoersverschillen bevatten zowel de valutakoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van de jaarrekeningen van buitenlandse activiteiten, als de valutakoersverschillen afkomstig uit de omrekening van de verplichting die de nettoinvestering van de Onderneming in een buitenlandse entiteit afdekt. De Groep maakt gebruik van termijnwisselverrichtingen uitgedrukt in US dollar om het valutarisico met betrekking tot de netto-investering in haar dochteronderneming Agfa Corporation (Verenigde Staten) af te dekken (zie toelichting 7 A1).
In 2010 werd er geen dividend uitbetaald naar aanleiding van de beslissing van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van Agfa-Gevaert NV van 27 april 2010.
In 2011 werd er geen dividend uitbetaald naar aanleiding van de beslissing van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van Agfa-Gevaert NV van 26 april 2011.
Voor 2012 wordt er geen betaling van dividend voorgesteld door de Raad van Bestuur.
Met ingang van 1 september 2010 bundelen Agfa Graphics NV en haar zakenpartner Shenzhen Brothers hun activiteiten gericht op het versterken van de marktpositie van beide partners in Groot-China en de ASEAN-regio. De Groep houdt via haar dochtervennootschap Agfa Graphics NV controle door middel van een participatie van 51% in Agfa Hong Kong Limited (voorheen 100% eigendom van de Groep), de holding van de gecombineerde activiteiten van beide partijen, en door de verschillende opgezette controlestructuren. Door de wijziging in het eigendomsbelang steeg het minderheidsbelang met 28 miljoen euro. De wijzigingen in het minderheidsbelang in 2011 worden verklaard door het deel van de winst van het jaar dat toebehoort aan de minderheidsbelangen alsook het deel van de valutakoersverschillen.
In de loop van 2010 betaalde een dochtervennootschap, waarin de Groep een belang aanhoudt van 60%, een dividend uit aan de aandeelhouders waardoor het minderheidsbelang daalde met 1 miljoen euro.
| TOEWIJSBAAR AAN AANDEELHOUDERS VAN DE ONDERNEMING |
|||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | AFDEKKINGSRESERVE | REËLE WAARDE RESERVE | INGEHOUDEN WINSTEN | TOTAAL | MINDERHEIDSBELANGEN | RESULTATEN NA WINSTBELASTINGEN TOTAAL NIET-GEREALISEERDE |
|
| MILJOEN EURO 2011 |
|||||||
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN VOOR BUITENLANDSE ACTIVITEITEN | 12 | - | - | - | 12 | 3 | 15 |
| NETTOVERLIES OP DE AFDEKKING VAN DE NETTO-INVESTERING | |||||||
| IN EEN BUITENLANDSE ACTIVITEIT, NA WINSTBELASTINGEN | (2) | - | - | - | (2) | - | (2) |
| EFFECTIEF GEDEELTE VAN REËLE WAARDEVERANDERINGEN VAN | |||||||
| DERIVATEN AANGEDUID ALS KASSTROOMAFDEKKINGEN, NA WINSTBELASTINGEN | - | (5) | - | - | (5) | - | (5) |
| NETTOVERANDERING IN DE REËLE WAARDE VAN KASSTROOMAFDEKKINGEN DIE | |||||||
| IS OVERGEBOEKT NAAR DE WINST- EN VERLIESREKENING, NA WINSTBELASTINGEN | - | (4) | - | - | (4) | - | (4) |
| REËLE WAARDEVERANDERINGEN VAN | |||||||
| FINANCIËLE ACTIVA BESCHIKBAAR VOOR VERKOOP | - | - | (1) | - | (1) | - | (1) |
| NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN NA WINSTBELASTINGEN | 10 | (9) | (1) | - | - | 3 | 3 |
| 2010 | |||||||
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN VOOR BUITENLANDSE ACTIVITEITEN | 74 | - | - | - | 74 | 1 | 75 |
| NETTOVERLIES OP DE AFDEKKING VAN DE NETTO-INVESTERING | |||||||
| IN EEN BUITENLANDSE ACTIVITEIT | (7) | - | - | - | (7) | - | (7) |
| NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN NA WINSTBELASTINGEN | 67 | - | - | - | 67 | 1 | 68 |
In de meeste landen waarin de Groep actief is, voorzien de ondernemingen van de Agfa-Gevaert Groep in vergoedingen na uitdiensttreding. Dergelijke vergoedingen gelden meestal voor alle werknemers en zijn gebaseerd op het salaris van de werknemer en het aantal jaren dienst. De Groep voorziet eveneens medische verzekering na de pensionering in de Verenigde Staten en lange diensttijd personeelsbeloningen in Duitsland. Deze vergoedingen worden boekhoudkundig verwerkt zoals voorzien in IAS 19 als vergoedingen na uitdiensttreding en lange diensttijd personeelsbeloningen.
Op 31 december 2011 bedroeg de totale nettoverplichting met betrekking tot vergoedingen na uitdiensttreding en andere lange diensttijd personeelsbeloningen van de Groep 542 miljoen euro (559 miljoen euro op 31 december 2010), opgebouwd als volgt:
| MILJOEN EURO | 31 DECEMBER 2011 | 31 DECEMBER 2010 |
|---|---|---|
| NETTOVERPLICHTING IN MATERIËLE LANDEN | 404 | 430 |
| NETTOVERPLICHTING ONTSLAGVERGOEDINGEN | 101 | 91 |
| NETTOVERPLICHTING IN NIET-MATERIËLE LANDEN | 37 | 38 |
| TOTALE NETTOVERPLICHTING | 542 | 559 |
Of een land van materieel belang is, wordt bepaald op basis van het bedrag van de pensioenlast volgens IAS 19. Landen met een materieel belang vertegenwoordigen meer dan 90% van de totale pensioenlasten van de Groep volgens IAS 19.
In het geval van 'vaste bijdrage'-regelingen betalen de ondernemingen van de Agfa-Gevaert Groep bijdragen aan openbaar of privaat beheerde pensioen- of verzekeringsfondsen. Eenmaal de bijdrage wordt betaald, hebben de ondernemingen van de Groep geen verdere verplichtingen meer. De periodieke bijdragen vormen een kost van het jaar waarin ze verschuldigd zijn. In 2011 bedroeg deze kost 10 miljoen euro (2010: 10 miljoen euro) voor de materiële landen.
In het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten van Amerika worden geen nieuwe deelnemers meer toegelaten tot de 'vaste doel'-regelingen en bouwen werknemers geen pensioenrechten meer op (voor de Verenigde Staten van Amerika vanaf 2009; voor het Verenigd Koninkrijk vanaf 2010). De rechten die opgebouwd werden op basis van geleverde dienstprestaties zijn niet langer gekoppeld aan toekomstige salarisverhogingen.
De totale kost in 2011 van de 'vaste doel'-regelingen voor de materiële landen bedroeg 63 miljoen euro (2010: 82 miljoen euro).
| 2010 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO | PENSIOENREGELINGEN | ANDERE LANGE DIENSTTIJD PERSONEELSBELONINGEN |
TOTAAL | PENSIOENREGELINGEN | ANDERE LANGE DIENSTTIJD PERSONEELSBELONINGEN |
TOTAAL |
| AAN HET DIENSTJAAR TOEGEREKENDE PENSIOENKOSTEN, | ||||||
| EXCLUSIEF WERKNEMERSBIJDRAGEN | 14 | 1 | 15 | 12 | 1 | 13 |
| FINANCIERINGSKOSTEN | 87 | 2 | 89 | 91 | 3 | 94 |
| VERWACHT RENDEMENT OP FONDSBELEGGINGEN | (63) | 0 | (63) | (58) | 0 | (58) |
| PENSIOENKOSTEN VAN VERSTREKEN DIENSTTIJD | (7) | (2) | (9) | 0 | 0 | 0 |
| AFSCHRIJVING VAN DE NIET-OPGENOMEN ACTUARIËLE (WINSTEN) VERLIEZEN | 30 | 1 | 31 | 31 | 2 | 33 |
| (WINST) VERLIES BIJ BELANGRIJKE INPERKING/BEËINDIGING VAN DE REGELINGEN | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| TOTALE PENSIOENLAST VAN DE PERIODE | 61 | 2 | 63 | 76 | 6 | 82 |
Actuele resultaten die verschillen van de actuariële veronderstellingen van de Groep of wijzigingen in actuariële veronderstellingen worden behandeld als niet-opgenomen actuariële winsten en verliezen. In de mate dat de netto opgebouwde niet-opgenomen winsten of verliezen meer bedragen dan 10% van de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van de 'vaste doel'-regeling op die datum of, indien hoger, van de reële waarde van de fondsbeleggingen, dan wordt dit overschot in de winst- en verliesrekening opgenomen over de verwachte gemiddelde resterende dienstperiode van de werknemers die deelnemen aan de regeling. De netto opgebouwde niet-opgenomen verliezen die werden opgenomen in de winst- en verliesrekening van 2011 bedroegen 31 miljoen euro (2010: 33 miljoen euro).
Voor 2011 hebben de opbrengsten uit pensioenen, die verband houden met verstreken diensttijd (9 miljoen euro) betrekking op volgende planwijzigingen in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk.
• Pensioenplan in het Verenigd Koninkrijk:
In 2011 heeft de Onderneming haar verplichting om pensioenen uit te keren in lijn met de kleinhandelsprijzen gewijzigd in uitkeringen in lijn met de index van de consumptieprijzen. Deze wijziging werd bijgevolg behandeld als een planwijziging die geresulteerd heeft in een éénmalige pensioenopbrengst van verstreken diensttijd van 7 miljoen euro.
• Toegezegd medisch plan in de Verenigde Staten:
Er werd een planwijziging ingevoerd waarbij de prijsindex voor gepensioneerden vanaf 1 januari 2014 wordt afgeschaft. Dit heeft geleid tot een éénmalige pensioenopbrengst van verleden diensttijd van 2 miljoen euro.
De wijziging in de nettoverplichting gedurende de jaren 2011 en 2010 wordt in onderstaande tabel weergegeven.
Voor het boekjaar 2012 verwacht de Groep werkgeversbijdragen te betalen voor een bedrag van 90 miljoen euro voor haar materiële pensioenregelingen en andere lange diensttijd personeelsbeloningen.
De contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van de 'vaste doel'-regelingen, de fondsbeleggingen en de financiering van de regelingen in de materiële landen worden hieronder weergegeven.
Op 31 december 2011 bedroeg de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van de 'vaste doel'-regelingen voor de Groep 2.027 miljoen euro (1.878 miljoen euro op 31 december 2010), waarvan 1.317 miljoen euro (1.164 miljoen euro op 31 december 2010) betrekking heeft op geheel of gedeeltelijk gefinancierde 'vaste doel'-regelingen en de overige 710 miljoen euro (714 miljoen euro op 31 december 2010) betrekking heeft op niet gefinancierde 'vaste doel'-regelingen.
| 2011 | 2010 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO | PENSIOENREGELINGEN | PERSONEELSBELONINGEN ANDERE LANGE DIENSTTIJD |
TOTAAL | PENSIOENREGELINGEN | PERSONEELSBELONINGEN ANDERE LANGE DIENSTTIJD |
TOTAAL | |
| WIJZIGING IN DE CONTANTE WAARDE VAN DE BRUTOVERPLICHTING | |||||||
| CONTANTE WAARDE VAN DE BRUTOVERPLICHTING OP 1 JANUARI | 1.808 | 70 | 1.878 | 1.716 | 66 | 1.782 | |
| AAN HET DIENSTJAAR TOEGEREKENDE PENSIOENKOSTEN, | |||||||
| EXCLUSIEF WERKNEMERSBIJDRAGEN | 14 | 1 | 15 | 12 | 1 | 13 | |
| FINANCIERINGSKOSTEN | 87 | 2 | 89 | 91 | 3 | 94 | |
| WERKNEMERSBIJDRAGEN | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| PENSIOENKOSTEN VAN VERSTREKEN DIENSTTIJD | (7) | (2) | (9) | 0 | 0 | 0 | |
| ACTUARIËLE (WINSTEN) VERLIEZEN | 131 | (1) | 130 | 59 | 1 | 60 | |
| UITKERINGEN | (103) | (6) | (109) | (110) | (6) | (116) | |
| BETAALDE PREMIES | (1) | 0 | (1) | 0 | 0 | 0 | |
| BELANGRIJKE INPERKING/BEËINDIGING VAN DE REGELINGEN | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 32 | 2 | 34 | 40 | 5 | 45 | |
| CONTANTE WAARDE VAN DE BRUTOVERPLICHTING OP 31 DECEMBER | 1.961 | 66 | 2.027 | 1.808 | 70 | 1.878 |
| 2011 | 2010 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| PENSIOENREGELINGEN | PERSONEELSBELONINGEN ANDERE LANGE DIENSTTIJD |
TOTAAL | PENSIOENREGELINGEN | PERSONEELSBELONINGEN ANDERE LANGE DIENSTTIJD |
TOTAAL |
| .__. _ _ _ _ . | ||
|---|---|---|
MILJOEN EURO
| REËLE WAARDE VAN FONDSBELEGGINGEN OP 31 DECEMBER | 936 | 0 | 936 | 929 | 0 | 929 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 20 | 0 | 20 | 27 | 0 | 27 |
| BETAALDE PREMIES | (1) | 0 | (1) | 0 | 0 | 0 |
| UITKERINGEN | (103) | (6) | (109) | (110) | (6) | (116) |
| EFFECTIEF RENDEMENT OP FONDSBELEGGINGEN | 9 | 0 | 9 | 104 | 0 | 104 |
| WERKNEMERSBIJDRAGEN | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| WERKGEVERSBIJDRAGEN | 82 | 6 | 88 | 86 | 6 | 92 |
| REËLE WAARDE VAN FONDSBELEGGINGEN OP 1 JANUARI | 929 | 0 | 929 | 822 | 0 | 822 |
| WIJZIGING IN FONDSBELEGGINGEN |
| FINANCIERINGSPOSITIE NIET-OPGENOMEN ACTUARIËLE (WINSTEN) OF VERLIEZEN |
(1.025) 670 |
(66) 17 |
(1.091) 687 |
(879) 500 |
(70) 19 |
(949) 519 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| NIET-OPGENOMEN PENSIOENKOSTEN VAN VERSTREKEN DIENSTTIJD | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| NETTOVERPLICHTING OP 31 DECEMBER | (355) | (49) | (404) | (379) | (51) | (430) |
De verplichtingen en pensioenlast van de periode met betrekking tot de 'vaste-doel'-regelingen van de Groep worden bepaald door gebruik te maken van actuariële waarderingen die gebaseerd zijn op actuariële veronderstellingen. Op het einde van de boekjaren 2011 en 2010, werden volgende belangrijke actuariële veronderstellingen (gewogen gemiddelden) gebruikt:
| MILJOEN EURO | 31 DECEMBER 2011 | 31 DECEMBER 2010 |
|---|---|---|
| DISCONTERINGSVOET | 4,7% | 5,0% |
| VERWACHT RENDEMENT OP FONDSBELEGGINGEN | 7,0% | 7,0% |
| TOEKOMSTIGE VERHOGING VAN LONEN/SALARISSEN | 2,8% | 2,8% |
De gemiddelden inzake disconteringsvoet en de stijging van de lonen/salarissen werden gewogen op basis van de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van 'vaste-doel'-regelingen. Het gemiddeld verwacht rendement op fondsbeleggingen werd gewogen op basis van de reële waarde van fondsbeleggingen. De gewogen gemiddelden omvatten de actuariële veronderstellingen van de materiële landen van de Groep: België, Duitsland, de Verenigde Staten van Amerika en het Verenigd Koninkrijk.
De veronderstellingen inzake disconteringsvoet zijn een weergave van het marktrendement op balansdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de geschatte looptijd van de verplichtingen.
De veronderstelling inzake het verwacht rendement op fondsbeleggingen wordt bepaald op een uniforme wijze, rekening houdend met historische rendementen op lange termijn, allocatie van fondsen en schattingen van toekomstige rendementen op lange termijn.
Onderstaande tabel geeft de sensitiviteit weer van een verandering in bepaalde veronderstellingen op 31 december 2011 met betrekking tot de pensioenregelingen van de materiële landen van de Groep:
| MILJOEN EURO | IMPACT OP DE VERWACHTE PENSIOENLAST VAN DE PERIODE (VÓÓR BELASTINGEN) VOOR 2012 |
IMPACT OP DE CONTANTE WAARDE VAN DE BRUTOVERPLICHTING OP 31 DECEMBER 2011 |
|---|---|---|
| EÉN PERCENT PUNT DALING IN DISCONTERINGSVOET | 26 | 286 |
| EÉN PERCENT PUNT STIJGING IN DISCONTERINGSVOET | (23) | (237) |
| EÉN PERCENT PUNT DALING IN VERWACHT RENDEMENT OP FONDSBELEGGINGEN | 9 | - |
| EÉN PERCENT PUNT STIJGING IN VERWACHT RENDEMENT OP FONDSBELEGGINGEN | (9) | - |
| VERBETERING IN DE STERFTETAFEL WAARBIJ WORDT VERONDERSTELD DAT | ||
| WERKNEMERS EEN JAAR LANGER LEVEN | 5 | 41 |
Een toe- of afname met 1% in de vooropgestelde medische kosten zou geen belangrijke impact mogen hebben op de geaccumuleerde verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding of op het totaal van de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten en financieringskosten. Volgens het toegezegd medisch plan kunnen de pensioengerechtigde deelnemers aanspraak maken op een rekening welke benut kan worden om hun medische kosten na de pensionering te betalen. De omvang van deze rekening is onafhankelijk van de werkelijke medische kosten of van de toekomstige stijgingen van de medische kosten.
Historiek van de fondsbeleggingen, contante waarde van de brutoverplichting, overschot/tekort van de pensioenregelingen en ervaringsaanpassingen voor 2011 en de vier voorgaande jaren
| MILJOEN EURO | 31 DEC. 2011 | 31 DEC. 2010 | 31 DEC. 2009 | 31 DEC. 2008 | 31 DEC. 2007 |
|---|---|---|---|---|---|
| REËLE WAARDE VAN FONDSBELEGGINGEN | 936 | 929 | 822 | 731 | 985 |
| CONTANTE WAARDE VAN DE BRUTOVERPLICHTING | 2.027 | 1.878 | 1.782 | 1.590 | 1.698 |
| OVERSCHOT (TEKORT) VAN DE REGELINGEN | (1.091) | (949) | (960) | (859) | (713) |
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 | 2009 | 2008 | 2007 |
| ERVARINGSAANPASSINGEN ONTSTAAN OP DE FONDSBELEGGINGEN: WINSTEN (VERLIEZEN) | (54) | 46 | 61 | (248) | (36) |
| ERVARINGSAANPASSINGEN ONTSTAAN OP DE VERPLICHTINGEN VAN DE REGELINGEN: | |||||
| WINSTEN (VERLIEZEN) | (16) | 0 | (2) | (35) | 3 |
| WINSTEN (VERLIEZEN) OP DE VERPLICHTINGEN VAN DE REGELINGEN INGEVOLGE WIJZIGINGEN | |||||
| IN ACTUARIËLE VERONDERSTELLINGEN | (114) | (60) | (209) | 91 | 127 |
| MILJOEN EURO | 31 DECEMBER 2011 | 31 DECEMBER 2010 |
|---|---|---|
| AANDELEN | 427 | 437 |
| RENTEDRAGENDE INSTRUMENTEN | 488 | 447 |
| OVERIGE | 21 | 45 |
| TOTAAL | 936 | 929 |
De reële waarde van fondsbeleggingen omvat per jaareinde 2010 en 2011 geen aandelen of rentedragende instrumenten van de Onderneming of haar dochterondernemingen.
Op 17 juni 2002 creëerde de Groep een aandelenoptieplan (het 'Long Term Incentive Plan' – vierde tranche) voor de leden van het Directiecomité (nu: Executive Management) van Agfa-Gevaert NV en kaderleden van niveau A, B en C van Agfa-Gevaert NV of van gelijkwaardige niveaus binnen de Groep. Eén optie verleent de houder het recht om één gewoon aandeel van de Onderneming te kopen. In totaal werden 600.300 opties uitgegeven en verdeeld onder de begunstigden. De opties werden gratis toegekend. Overeenkomstig het programma, kunnen de opties worden uitgeoefend tussen 26 augustus 2005 en 27 augustus 2011 waarna ze waardeloos worden. De uitoefenprijs van de opties is gelijk aan 18 euro.
Hierna wordt een overzicht gegeven van het aantal uitstaande opties op 31 december 2011:
| OPTIES UITGEGEVEN | 600.300 |
|---|---|
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2002 | 6.300 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2003 | 31.500 |
| OPTIES UITGEOEFEND GEDURENDE 2005 | 7.800 |
| OPTIES UITGEOEFEND GEDURENDE 2006 | 2.460 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2006 | 5.800 |
| OPTIES UITGEOEFEND GEDURENDE 2007 | 2.900 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2007 | 2.900 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2009 | 5.800 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2011 | 534.840 |
| OPTIES UITSTAANDE OP 31 DECEMBER 2011 | 0 |
Op 29 april 2003 creëerde de Groep een aandelenoptieplan (het 'Long Term Incentive Plan' – vijfde tranche) voor de leden van het Directiecomité (nu: Executive Management) van Agfa-Gevaert NV en kaderleden van niveau A, B en C van Agfa-Gevaert NV of van gelijkwaardige niveaus binnen de Groep. Eén optie verleent de houder het recht om één gewoon aandeel van de Onderneming te kopen. In totaal werden 567.974 opties uitgegeven en verdeeld onder de begunstigden. De opties werden gratis toegekend. Overeenkomstig het programma, kunnen de opties worden uitgeoefend tussen 28 juli 2006 en 27 juli 2013 waarna ze waardeloos worden. De uitoefenprijs van de opties is gelijk aan 18,27 euro.
De reële waarde van de toegekende eigen-vermogensinstrumenten onder het 'Long Term Incentive Plan' (vijfde tranche) op toekenningsdatum, werd berekend volgens een Trinomiaal "Lattice" optiewaarderingsmodel voor opties uitoefenbaar tussen bepaalde data ('bermudian options') met discrete dividendparameters.
Volgende parameters werden gebruikt in het optiewaarderingsmodel:
| REËLE WAARDE VAN DE TOEGEKENDE OPTIE | 6,60 |
|---|---|
| AANDELENKOERS | 18,63 |
| UITOEFENPRIJS | 18,27 |
| TOEKENNINGSDATUM | 26 SEPTEMBER 2003 |
| VERWACHTE VOLATILITEIT | 32,40% |
| VERWACHT DIVIDEND/JAAR | 0,60 |
| RISICOVRIJE RENTEVOET | 2,09%-4,34% |
De verwachte volatiliteit is gebaseerd op de historische volatiliteit van de koers van het aandeel over een periode van één jaar. De toegekende aandelenopties onder het 'Long Term Incentive Plan' (vijfde tranche) werden onvoorwaardelijk in juli 2006, na een periode van drie jaar vanaf toekenningsdatum. De berekende reële waarde werd gespreid in kost genomen over de wachtperiode volgens de 'modified grant date'-methode, rekening houdend met het aantal eigen-vermogensinstrumenten dat effectief onvoorwaardelijk werd op datum van toezegging.
Hierna wordt een overzicht gegeven van het aantal uitstaande opties op 31 december 2011:
| OPTIES UITGEGEVEN | 567.974 |
|---|---|
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2004 | 2.800 |
| OPTIES UITGEOEFEND GEDURENDE 2006 | 2.800 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2006 | 5.600 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2007 | 11.450 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2009 | 5.600 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2011 | 6.300 |
| OPTIES UITSTAANDE OP 31 DECEMBER 2011 | 533.424 |
Op 22 juni 2004 creëerde de Groep een aandelenoptieplan (het 'Long Term Incentive Plan' – zesde tranche en zesde tranche a) voor de leden van het Directiecomité (nu: Executive Management) van Agfa-Gevaert NV en kaderleden van niveau A, B en C van Agfa-Gevaert NV of van gelijkwaardige niveaus binnen de Groep. Eén optie verleent de houder het recht om één gewoon aandeel van de Onderneming te kopen. In totaal werden 488.880 opties uitgegeven en verdeeld onder de begunstigden. De opties werden gratis toegekend. Overeenkomstig het programma, kunnen de opties onder tranche 6 worden uitgeoefend tussen 10 augustus 2007 en 10 augustus 2011 waarna ze waardeloos worden. De uitoefenprijs van de opties is gelijk aan 19,95 euro.
De opties toegekend onder tranche 6a zijn uitoefenbaar tussen 15 december 2007 en 14 december 2011 waarna ze waardeloos worden. De uitoefenprijs van de opties is gelijk aan 24,02 euro.
De reële waarde van de toegekende eigen-vermogensinstrumenten onder het 'Long Term Incentive Plan' (zesde tranche en zesde tranche a) op toekenningsdatum, werd berekend volgens een Trinomiaal 'Lattice' optiewaarderingsmodel voor opties uitoefenbaar tussen bepaalde data ('bermudian options') met discrete dividendparameters.
Volgende parameters werden gebruikt in het optiewaarderingsmodel:
| ZESDE TRANCHE | ZESDE TRANCHE A | |
|---|---|---|
| REËLE WAARDE VAN DE TOEGEKENDE OPTIE | 6,84 | 8,00 |
| AANDELENKOERS | 23,27 | 26,59 |
| UITOEFENPRIJS | 19,95 | 24,02 |
| TOEKENNINGSDATUM | 10 OKTOBER 2004 | 13 FEBRUARI 2005 |
| VERWACHTE VOLATILITEIT | 24,61% | 27,83% |
| VERWACHT DIVIDEND/JAAR | 0,60 | 0,56 |
| RISICOVRIJE RENTEVOET | 3,67% | 3,00% |
De verwachte volatiliteit is gebaseerd op de historische volatiliteit van de koers van het aandeel over een periode van één jaar. De toegekende aandelenopties onder het 'Long Term Incentive Plan' (zesde tranche en zesde tranche a) werden onvoorwaardelijk respectievelijk in augustus en december 2007, na een periode van drie jaar vanaf toekenningsdatum. De berekende reële waarde werd gespreid in kost genomen over de wachtperiode volgens de 'modified grant date' methode, rekening houdend met het aantal eigen-vermogensinstrumenten dat effectief onvoorwaardelijk werd op datum van toezegging.
Hierna wordt een overzicht gegeven van het aantal uitstaande opties op 31 december 2011:
| ZESDE TRANCHE | ZESDE TRANCHE A | |
|---|---|---|
| OPTIES UITGEGEVEN | 471.380 | 17.500 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2005 | 3.080 | - |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2006 | 5.600 | - |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2007 | 11.300 | - |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2008 | - | 12.500 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2009 | 5.600 | - |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2011 | 445.800 | 5.000 |
| OPTIES UITSTAANDE OP 31 DECEMBER 2011 | 0 | 0 |
Op 22 juni 2005 creëerde de Groep een aandelenoptieplan (het 'Long Term Incentive Plan' – zevende tranche) voor de leden van het Directiecomité (nu: Executive Management) van Agfa-Gevaert NV en kaderleden van niveau I en II van Agfa-Gevaert NV of van gelijkwaardige niveaus binnen de Groep. Eén optie verleent de houder het recht om één gewoon aandeel van de Onderneming te kopen. In totaal werden 589.650 opties uitgegeven en verdeeld onder de begunstigden. De opties werden gratis toegekend. Overeenkomstig het programma, kunnen de opties worden uitgeoefend tussen 15 juli 2008 en 15 juli 2012 waarna ze waardeloos worden. De uitoefenprijs van de opties is gelijk aan 22,57 euro.
De reële waarde van de toegekende eigen-vermogensinstrumenten onder het 'Long Term Incentive Plan' (zevende tranche) op toekenningsdatum, werd berekend volgens een Trinomiaal 'Lattice' optiewaarderingsmodel voor opties uitoefenbaar tussen bepaalde data ('bermudian options') met discrete dividendparameters.
Volgende parameters werden gebruikt in het optiewaarderingsmodel:
| REËLE WAARDE VAN DE TOEGEKENDE OPTIE | 6,23 |
|---|---|
| AANDELENKOERS | 22,85 |
| UITOEFENPRIJS | 22,57 |
| TOEKENNINGSDATUM | 14 SEPTEMBER 2005 |
| VERWACHTE VOLATILITEIT | 28% |
| VERWACHT DIVIDEND/JAAR | 0,56 |
| RISICOVRIJE RENTEVOET | 3% |
De verwachte volatiliteit is gebaseerd op de historische volatiliteit van de koers van het aandeel over een periode van één jaar. De toegekende aandelenopties onder het 'Long Term Incentive Plan' (zevende tranche) werden onvoorwaardelijk in juli 2008, na een periode van drie jaar vanaf toekenningsdatum. De berekende reële waarde werd gespreid in kost genomen over de wachtperiode volgens de 'modified grant date'-methode, rekening houdend met het aantal eigen-vermogensinstrumenten dat effectief onvoorwaardelijk werd op datum van toezegging.
Hierna wordt een overzicht gegeven van het aantal uitstaande opties op 31 december 2011:
| OPTIES UITGEGEVEN | 589.650 |
|---|---|
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2006 | 33.200 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2007 | 72.160 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2008 | 45.190 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2009 | 2.900 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2010 | 2.200 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2011 | 6.900 |
| OPTIES UITSTAANDE OP 31 DECEMBER 2011 | 427.100 |
Op 21 juni 2006 creëerde de Groep een aandelenoptieplan (het 'Long Term Incentive Plan' – achtste tranche) voor de leden van het Directiecomité (nu: Executive Management) van Agfa-Gevaert NV en kaderleden van niveau I en II van Agfa-Gevaert NV of van gelijkwaardige niveaus binnen de Groep. Eén optie verleent de houder het recht om één gewoon aandeel van de Onderneming te kopen. In totaal werden 733.570 opties uitgegeven en verdeeld onder de begunstigden. De opties werden gratis toegekend. Overeenkomstig het programma, kunnen de opties worden uitgeoefend tussen 17 juli 2009 en 17 juli 2013 waarna ze waardeloos worden. De uitoefenprijs van de opties is gelijk aan 18,60 euro.
De reële waarde van de toegekende eigen-vermogensinstrumenten onder het 'Long Term Incentive Plan' (achtste tranche) op toekenningsdatum, werd berekend volgens een Trinomiaal 'Lattice' optiewaarderingsmodel voor opties uitoefenbaar tussen bepaalde data ('bermudian options') met discrete dividendparameters.
Volgende parameters werden gebruikt in het optiewaarderingsmodel:
| REËLE WAARDE VAN DE TOEGEKENDE OPTIE | 4,17 |
|---|---|
| AANDELENKOERS | 18,12 |
| UITOEFENPRIJS | 18,60 |
| TOEKENNINGSDATUM | 15 SEPTEMBER 2006 |
| VERWACHTE VOLATILITEIT | 28,50% |
| VERWACHT DIVIDEND/JAAR | 0,56 |
| RISICOVRIJE RENTEVOET | 4,18% |
De verwachte volatiliteit is gebaseerd op de historische volatiliteit van de koers van het aandeel over een periode van één jaar. De toegekende aandelenopties onder het 'Long Term Incentive Plan' (achtste tranche) werden onvoorwaardelijk respectievelijk in juli 2009, na een periode van drie jaar vanaf toekenningsdatum. De berekende reële waarde werd gespreid in kost genomen over de wachtperiode volgens de 'modified grant date'-methode, rekening houdend met het aantal eigen-vermogensinstrumenten dat effectief onvoorwaardelijk werd op datum van toezegging.
Hierna wordt een overzicht gegeven van het aantal uitstaande opties op 31 december 2011:
| OPTIES UITGEGEVEN | 733.570 |
|---|---|
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2007 | 48.810 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2008 | 29.060 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2009 | 8.400 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2010 | 4.800 |
| OPTIES VERVALLEN GEDURENDE 2011 | 16.920 |
| OPTIES UITSTAANDE OP 31 DECEMBER 2011 | 625.580 |
De aandelen die kunnen worden verkregen door uitoefening van de hiervoor genoemde opties zijn afgedekt door middel van ingekochte eigen aandelen.
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| LANGLOPENDE RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN | 352 | 379 |
| 'REVOLVING MULTI-CURRENCY'-KREDIETFACILITEITEN | 82 | 180 |
| BANKSCHULDEN | 75 | 3 |
| OBLIGATIELENINGEN | 195 | 195 |
| FINANCIËLE LEASEVERPLICHTINGEN | - | 1 |
| KORTLOPENDE RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN | 15 | 21 |
| BANKSCHULDEN | 12 | 21 |
| OVERIGE VERPLICHTINGEN | 2 | - |
| FINANCIËLE LEASEVERPLICHTINGEN | 1 | - |
In de loop van 2011 werd deze faciliteit hernieuwd voor een periode tot 31 mei 2016. Het notioneel bedrag van deze faciliteit bedraagt 445 miljoen euro. Geldopnamen onder deze kredietlijnen worden gedaan voor korte periodes maar de Groep heeft, onder de bestaande herfinancieringovereenkomst, de mogelijkheid om de leningen te verlengen voor langere periodes na balansdatum. Er werden geen waarborgen verstrekt voor de kredietopeningen. Transactiekosten ten belope van 3 miljoen euro werden geboekt in mindering van de initiële boekwaarde van de financiële verplichting.
De verdeling over de diverse looptijden is als volg:
| NOMINAAL BEDRAG | UITSTAAND BEDRAG | MUNT | RENTEVOET | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 | 2011 | 2010 | 2011 | 2010 | |
| EINDVERVALDAG | |||||||
| 2016 | 445 | - | 82 | - | EUR | 2,40%-2,45% | - |
| 2012 | - | 690 | - | 150 | USD | - | 0,54%-0,74% |
| - | 30 | EUR | - | 1,09% | |||
| TOTAAL | 445 | 690 | 82 | 180 |
De langlopende rentedragende verplichtingen hebben volgende eindvervaldagen:
| 2011 | 2010 | |||
|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO | UITSTAAND BEDRAG |
GEWOGEN GEMIDDELDE RENTEVOET |
UITSTAAND BEDRAG |
GEWOGEN GEMIDDELDE RENTEVOET |
| EINDVERVALDAG | ||||
| < 5 JAAR | 6 | 7,71% | - | - |
| > 5 JAAR | 69 | 4,33% | 3 | 7,71% |
| TOTAAL | 75 | 3 |
De langlopende verplichtingen met eindvervaldag minder dan vijf jaar na rapporteringsdatum, omvatten lokale opnamen met eindvervaldag in 2016.
Langlopende rentedragende verplichtingen met eindvervaldag meer dan 5 jaar na rapporteringsdatum hebben betrekking op de leningsovereenkomst die de Groep in het vierde kwartaal van 2010 afsloot met de Europese Investeringsbank (EIB). De EIB stelt een bedrag van 130 miljoen euro ter beschikking voor de financiering van onderzoeks-, ontwikkelings- en innovatieprojecten binnen het segment HealthCare Information Technology. De gefinancierde projecten betreffen onderzoeks-, ontwikkelings- en innovatieprojecten in de periode vanaf 2010 tot 2013. Het bedrag van de toegestane lening is niet hoger dan 50% van de totale kostprijs van de projecten. Een eerste schijf van 70 miljoen euro werd beschikbaar gesteld in 2011. Transactiekosten ten belope van 1 miljoen euro werden geboekt in mindering van de initiële boekwaarde van de financiële verplichting. De lening van 70 miljoen euro heeft een eindvervaldag in augustus 2018.
Afhankelijk van de gestelde voorwaarden zal een volgende schijf van 60 miljoen ter beschikking gesteld worden voor opname in 2012 tot de laatste dag van beschikbaarstelling zijnde 31 december 2012.
De kortlopende bankleningen zijn niet gewaarborgd. De gewogen gemiddelde rentevoet van deze verplichtingen bedraagt 5,78% (2010: 5,39%).
In mei 2005 gaf de Onderneming een obligatielening uit met een nominale waarde van 200 miljoen euro. De obligatielening draagt een coupon van 4,375% en vervalt in juni 2015. De interesten zijn jaarlijks betaalbaar na verloop van termijn. De uitgifteprijs bedroeg 101,956%. De obligatielening wordt gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs. In de loop van 2009 werd een deel van de obligatielening (5 miljoen euro) afgelost door de Onderneming.
Lease-overeenkomsten waarbij de Groep optreedt als lessee worden als rentedragende verplichting in de balans opgenomen voor een bedrag gelijk aan het laagste van de reële waarde van het geleasde actief en de contante waarde van de minimale leasebetalingen bij de aanvang van de lease-overeenkomst. Deze verplichtingen bedroegen 1 miljoen euro per 31 december 2011.
De vervaldagstructuur van de financiële leaseverplichtingen is als volgt:
| 2011 | 2010 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO | MINIMALE LEASE BETALINGEN |
NIET VERVALLEN RENTELASTEN |
CONTANTE WAARDE MINIMALE LEASEBETALINGEN |
MINIMALE LEASE BETALINGEN |
NIET VERVALLEN RENTELASTEN |
CONTANTE WAARDE MINIMALE LEASEBETALINGEN |
| NIET LATER DAN ÉÉN JAAR | 1 | - | 1 | - | - | - |
| LATER DAN ÉÉN JAAR EN | ||||||
| NIET LATER DAN VIJF JAAR | - | - | - | 1 | - | 1 |
| LATER DAN VIJF JAAR | - | - | - | - | - | - |
| TOTAAL | 1 | - | 1 | 1 | - | 1 |
Langlopende voorzieningen bedroegen 25 miljoen euro op 31 december 2011 (2010: 24 miljoen euro).
| MILJOEN EURO | MILIEU VOORZIENINGEN |
HERSTRUCTURE RINGEN |
ANDERE | TOTAAL |
|---|---|---|---|---|
| VOORZIENINGEN PER 31 DECEMBER 2010 | 3 | 4 | 17 | 24 |
| VOORZIENINGEN AANGELEGD IN DE LOOP VAN HET BOEKJAAR | - | 6 | 1 | 7 |
| AANWENDING VAN VOORZIENINGEN IN DE LOOP VAN HET BOEKJAAR | - | (2) | (1) | (3) |
| TERUGNAME VAN VOORZIENINGEN IN DE LOOP VAN HET BOEKJAAR | - | - | - | - |
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | - | - | - | - |
| OVERBOEKINGEN | - | - | (3) | (3) |
| VOORZIENINGEN PER 31 DECEMBER 2011 | 3 | 8 | 14 | 25 |
Andere langlopende voorzieningen omvatten een voorziening voor leegstaande gebouwen, een voorziening voor afbraakkosten als ook een voorziening voor verplichtingen met betrekking tot vroegere werknemers van de logistiek afdeling welke aan de group H.Essers werd verkocht en een voorziening voor pensioenverzekering die betaalbaar is na meer dan één jaar.
De kortlopende voorzieningen bedroegen 223 miljoen euro op 31 december 2011 (2010: 200 miljoen euro).
| MILJOEN EURO | MILIEUVOORZIENINGEN | GERELATEERD AAN DE OPBRENGSTEN VOORZIENINGEN |
BELASTINGEN | HERSTRUCTURERINGEN | ANDERE | TOTAAL |
|---|---|---|---|---|---|---|
| VOORZIENINGEN PER 31 DECEMBER 2010 | 7 | 47 | 73 | 8 | 65 | 200 |
| VOORZIENINGEN AANGELEGD IN DE LOOP | ||||||
| VAN HET BOEKJAAR | 3 | 32 | 37 | 25 | 16 | 113 |
| AANWENDING VAN VOORZIENINGEN IN DE LOOP | ||||||
| VAN HET BOEKJAAR | (3) | (10) | (34) | (8) | (15) | (70) |
| TERUGNAME VAN VOORZIENINGEN IN DE LOOP | ||||||
| VAN HET BOEKJAAR | - | (13) | (10) | (3) | - | (26) |
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | - | - | - | - | - | - |
| OVERBOEKINGEN | - | - | 3 | 3 | - | 6 |
| VOORZIENINGEN PER 31 DECEMBER 2011 | 7 | 56 | 69 | 25 | 66 | 223 |
De voorzieningen met betrekking tot milieubescherming dekken toekomstige aanpassingswerken van terreinen en de sanering van bodems die zijn verontreinigd door vroegere industriële activiteiten.
Voorzieningen gerelateerd aan de opbrengsten omvatten onder meer te betalen bedragen aan klanten met betrekking tot geleverde goederen en diensten gedurende het boekjaar, zoals omzetkortingen, rabatten en commissies betaald aan agenten en bijkomende verplichtingen in verband met aan- en verkoopcontracten, voorzieningen voor commerciële betwistingen en voorzieningen voor vorderingen en verlieslatende contracten.
Voorzieningen voor belastingen hebben betrekking op zowel winstbelastingen als overige belastingen.
De voorziening voor winstbelastingen omvat belastingen op winsten die berekend maar nog niet vooruitbetaald werden, evenals winstbelastingen in verband met lopende of te verwachten fiscale controles op de afgelopen jaren en voorzieningen voor aanpassingen van de afgelopen jaren. De Groep is onderworpen aan winstbelastingen in een groot aantal rechtsgebieden. Er bestaan onzekerheden betreffende de interpretaties van complexe fiscale regelgevingen in de respectieve landen. De Groep erkent verplichtingen voor elementen die tijdens een belastingscontrole mogelijk op de voorgrond kunnen treden, gebaseerd op aanvaardbare schattingen inzake het al dan niet verschuldigd zijn van bijkomende belastingen, waarbij diverse factoren zoals ervaring met vorige belastingcontroles en afwijkende interpretaties tussen enerzijds de entiteit die wordt belast en de belastingautoriteit in aanmerking worden genomen. Verschillen die ontstaan tussen reële resultaten en gemaakte assumpties of toekomstige veranderingen aan dergelijke assumpties kunnen aanpassingen aan de belastinglast van toekomstige periodes noodzakelijk maken.
De voorziening voor andere belastingen bestaat voornamelijk uit BTW en andere indirecte belastingen.
Voorzieningen voor herstructureringen omvatten voornamelijk de ontslagvergoedingen voor het personeel.
Andere kortlopende voorzieningen omvatten de kortlopende verplichtingen met betrekking tot vroegere werknemers van de logistiek afdeling welke aan de groep H.Essers verkocht werd. Verder omvatten ze het deel van de voorzieningen voor pensioenverzekering dat betaalbaar is binnen het jaar, voorzieningen voor verlieslatende contracten (bijvoorbeeld leegstand van gebouwen) en voorzieningen voor betwistingen met vroegere werknemers.
Tot slot omvatten ze de voorzieningen met betrekking tot vorderingen verbandhoudend met de verkoop van de Consumer Imaging (CI) business in 2004. Het betreft hier voornamelijk voorzieningen met betrekking tot verwachte verliezen van de distributie-overeenkomst, vorderingen van vroegere CI werknemers die naar AgfaPhoto zijn overgegaan en commerciële betwistingen.
Op 1 november 2004 verkocht de Groep al haar Consumer Imaging activiteiten aan AgfaPhoto Holding GmbH, inclusief de productie, de verkoop en de dienstverlening welke verbonden is aan fotografische film, producten voor finishing en labapparatuur. Vanaf november 2004 werden de Consumer Imaging activiteiten volledig uitgeoefend door de AgfaPhoto groep van vennootschappen tot eind mei 2005 toen AgfaPhoto GmbH een aanvraag tot faillissement indiende in Duitsland, gevolgd door faillissementsaanvragen van een aantal AgfaPhoto verkooporganisaties.
In oktober 2005 besloot de curator van AgfaPhoto GmbH tot liquidatie van deze vennootschap. Niettegenstaande dat AgfaPhoto GmbH en haar dochtervennootschappen volledig onafhankelijk van de Groep opereren, heeft het faillissement en de liquidatie van AgfaPhoto GmbH en sommige van haar dochtervennootschappen een invloed op de Groep op verschillende manieren.
De curator van AgfaPhoto GmbH diende in december 2007 een aanvraag tot arbitrage in bij het ICC Internationale Arbitragehof in Parijs, Frankrijk, in verband met een geschil over de openstaande saldi die voortvloeien uit distributie-, leverings- en dienstverleningsovereenkomsten.
In september 2008 diende de curator van AgfaPhoto Austria Ges.m.b.H. eveneens een aanvraag tot arbitrage in bij het ICC Internationale Arbitragehof, met betrekking tot een geschil over de openstaande saldi betreffende de distributie-, leverings- en dienstverleningsenovereenkomsten in Oostenrijk.
Beide ICC arbitrageprocedures zijn nog lopende.
De Groep wordt tevens geconfronteerd met een aantal gerechtelijke procedures vanwege vroegere Consumer Imaging werknemers die naar AgfaPhoto werden getransfereerd.
In Duitsland werden in de loop van 2011 door het hoogste arbeidshof finale vonnissen geveld in verband met 7 rechtszaken, waardoor het aantal finale vonnissen sinds 2008 op 53 werd gebracht. Deze uitspraken en de bijkomende ophelderingen van een aantal arbeidsrechtelijke discussies hebben geleid tot een versnelde afhandeling van een aantal hangende arbeidsrechtelijke geschillen in Duitsland, conform de risicoinschattingen en de voorzieningen van de Groep.
De ICC arbitrageprocedure op initiatief van de curator van AgfaPhoto GmbH m.b.t. de afbraakkosten van een aantal gebouwen in Leverkusen, Duitsland, die werden opgetrokken in het kader van een erfpachtovereenkomst, werd volledig afgewezen door het arbitragehof, en Agfa-Gevaert kreeg ook terugbetaling van erelonen en procedurekosten toegewezen. Agfa-Gevaert was met de eigenaar van het perceel onroerend goed overeengekomen om bepaalde afbraakkosten over te nemen.
Agfa Finance is in een aantal landen nog steeds betrokken bij verschillende juridische geschillen omtrent leasingovereenkomsten voor minilabs, als eisende en als verwerende partij. Terwijl sommige gevallen door minnelijke schikkingen konden beëindigd worden of nog zullen beëindigd worden, worden de nog lopende geschillen behandeld conform de risico-inschattingen van de Groep.
De Groep heeft voldoende voorzieningen en waardeverminderingsverliezen op uitstaande vorderingen geboekt voor waarschijnlijke verliezen die verband houden met de distributie-, leverings- en dienstenovereenkomsten, alsook voor andere eisen en kosten, zoals eisen vanwege het personeel.
De Groep legt voorzieningen aan voor verwachte verliezen wanneer zij van oordeel is dat het verlies waarschijnlijk is en het bedrag van het verlies op een redelijke wijze kan worden geschat. Voorzieningen voor waarschijnlijke verliezen zijn gebaseerd op veronderstellingen en schattingen, en op juridisch advies op vlak van waarschijnlijke uitkomsten van een zaak. Wanneer zich nieuwe ontwikkelingen voordoen of wanneer meer informatie beschikbaar is, bestaat de mogelijkheid dat de veronderstellingen en schattingen in deze zaken gewijzigd dienen te worden.
Verdere informatie wordt verschaft in toelichting 26.
De overige te betalen posten omvatten:
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| HANDELSSCHULDEN | 275 | 246 |
| OVERIGE SCHULDEN | 149 | 182 |
| OVERIGE FINANCIËLE VERPLICHTINGEN | 102 | 136 |
| VERPLICHTINGEN MET BETREKKING TOT ONDERNEMINGEN BEHORENDE TOT DE AGFAPHOTO GROEP | 31 | 33 |
| GELOPEN, NIET-VERVALLEN RENTE | 6 | 5 |
| NOG TE BETALEN AANSCHAFFINGSWAARDE M.B.T. DE OVERNAME VAN GANDI (TOELICHTING 6) | 1 | 9 |
| NOG TE BETALEN AANSCHAFFINGSWAARDE M.B.T. DE OVERNAME VAN WPD (TOELICHTING 6) | 2 | - |
| ANDERE DIVERSE TE BETALEN POSTEN | 62 | 89 |
| OVERIGE VERPLICHTINGEN | 47 | 46 |
| SOCIALE VERPLICHTINGEN | 33 | 34 |
| VERPLICHTINGEN MET BETREKKING TOT PERSONEELSBEZOLDIGINGEN | 14 | 12 |
| TOTAAL | 424 | 428 |
De blootstelling aan het wisselkoers- en liquiditeitsrisico uit handelsschulden van de Groep wordt beschreven in toelichting 7.
Verplichtingen met betrekking tot ondernemingen behorende tot de AgfaPhoto-groep zijn ontstaan uit distributie-, facturatieen inningsovereenkomsten met AgfaPhoto-groepsondernemingen of haar curatoren. Verdere informatie wordt verstrekt onder toelichting 17.
Sociale verplichtingen omvatten voornamelijk de sociale zekerheidsbijdragen die nog niet betaald werden op de rapporteringsdatum.
De andere diverse te betalen posten omvatten voornamelijk te ontvangen facturen en verplichtingen ingevolge liquiditeitsovereenkomsten.
Uitgestelde opbrengsten omvat zowel gefactureerde bedragen als bedragen die conform de contractuele bepalingen aan de klanten kunnen worden gefactureerd maar nog niet in de winst- en verliesrekening kunnen worden opgenomen. De vooruitbetalingen geven de bedragen weer die de Onderneming heeft ontvangen maar nog niet aan haar klanten heeft gefactureerd daar zij haar verplichting ten aanzien van deze klanten nog dient te voltooien, zijnde de levering van goederen en/of diensten.
De uitgestelde opbrengsten en vooruitbetalingen bedroegen 145 miljoen euro op 31 december 2011 (2010: 152 miljoen euro) en resulteren voornamelijk uit tussentijdse facturatie in overeenkomsten waarin meerdere goederen zoals software en hardware en/of diensten samen worden aangeboden ('multiple element'-regelingen) en uit vooruitfacturatie van de dienstverlenings- en onderhoudscontracten.
De toepassing van de huidige richtlijn betreffende de opname van opbrengsten in de winst- en verliesrekening uit 'multiple element'-regelingen vereist oordeelsvorming vanwege het management. Er dient te worden beoordeeld of de opnamecriteria afzonderlijk kunnen worden toegepast op de in de overeenkomst aangeboden goederen en/of diensten en zo ja, of er een betrouwbare en objectieve reële waarde voor de aangeboden goederen en/of diensten afzonderlijk kan worden bepaald. De toewijzing van de verkoopprijs van de overeenkomst aan de verschillende goederen en/of diensten op basis van ondernemingsspecifieke objectieve gegevens van reële waarde – inclusief de toewijzing van kortingen – steunt op oordeelsvorming en belangrijke schattingen vanwege het management. Wijzigingen in de door het management aangenomen veronderstellingen met betrekking tot de afzonderlijk identificeerbare goederen en/of diensten in een overeenkomst en de daaraan toegewezen reële waarde, zouden een belangrijke impact kunnen hebben op de opbrengsten opgenomen in de winsten verliesrekening.
De Groep huurt voornamelijk gebouwen en infrastructuur op basis van operationele lease-overeenkomsten. De vervaldagstructuur van de toekomstige minimale leasebetalingen onder deze niet-opzegbare lease-overeenkomsten is:
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| NIET LATER DAN ÉÉN JAAR | 52 | 43 |
| LATER DAN ÉÉN JAAR EN NIET LATER DAN VIJF JAAR | 105 | 93 |
| LATER DAN VIJF JAAR | 23 | 23 |
| TOTAAL | 180 | 159 |
De Groep verhuurt bedrijfsruimte en overige materiële vaste activa op basis van operationele leases. De toekomstige minimale leasebetalingen uit hoofde van niet-opzegbare lease-overeenkomsten luiden als volgt:
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| NIET LATER DAN ÉÉN JAAR | 1 | 2 |
| LATER DAN ÉÉN JAAR EN NIET LATER DAN VIJF JAAR | 1 | 1 |
| LATER DAN VIJF JAAR | - | - |
| TOTAAL | 2 | 3 |
De voorwaardelijke verplichtingen vloeiden volledig voort uit verbintenissen aan derden gegeven en omvatten:
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| BANKGARANTIES | 64 | 69 |
| ANDERE | 2 | 2 |
| TOTAAL | 66 | 71 |
De totale aankoopverplichtingen in het kader van belangrijke investeringsprojecten waarvoor de respectieve contracten reeds werden toegekend of de orders werden geplaatst, bedroegen op 31 december 2011 1 miljoen euro (2010: 1 miljoen euro).
De Groep is momenteel niet betrokken in één of ander groot geschil, met uitzondering van het geschil in verband met de insolvabiliteit van AgfaPhoto.
In verband met de verkoop van de Consumer Imaging activiteiten van Agfa-Gevaert AG en bepaalde van haar dochtervennootschappen heeft de Groep diverse contractuele relaties afgesloten met AgfaPhoto Holding GmbH, AgfaPhoto GmbH en hun dochtervennootschappen in verschillende landen (de AgfaPhoto Groep). Daarbij werd voorzien in de overdracht van haar Consumer Imaging activiteiten, inbegrepen activa, verplichtingen, contracten en personeel naar de vennootschappen behorende tot de AgfaPhoto Groep.
Na de verkoop werd een aanvraag tot faillissement ingediend door AgfaPhoto GmbH en een aantal van haar dochtervennootschappen zowel in Duitsland als in andere landen. In verschillende landen werden gerechtelijke procedures tegen de Groep ingespannen. Het betreft een aantal geschillen met inbegrip van arbeidsrechtelijke geschillen in Duitsland, waarbij diverse schadevergoedingen en andere compensaties werden geëisd met betrekking tot het faillissement en de daarop volgende liquidatie van vennootschappen van de AgfaPhoto groep. De Groep meent dat het in haar verweer in deze rechtszaken over voldoende argumenten beschikt en verdedigt haar belangen krachtdadig.
In verband met deze verkoop diende de curator van AgfaPhoto GmbH een aanvraag tot arbitrage in bij het ICC Internationale Arbitragehof in Parijs, Frankrijk, en vordert een vergoeding voor vermeende onderkapitalisatie van AgfaPhoto GmbH alsmede voor het vermeende veroorzaken van het faillissement van AgfaPhoto GmbH. De Groep heeft alle vorderingen verworpen wegens onbewezen en ongegrond. De Groep meent dat het in haar verweer met betrekking tot deze vorderingen over voldoende argumenten beschikt en verdedigt haar belangen krachtdadig.
De overblijvende belangrijke geschillen zijn tussen bepaalde vennootschappen van de Groep en de curator van AgfaPhoto GmbH. De meeste geschillen worden tegenwoordig behandeld in het kader van arbitrageprocedures. Dezelfde bedragen worden soms verscheidene malen gevorderd zowel door dezelfde partijen op basis van verschillende rechtsgronden als van verschillende constellaties van Agfa-vennootschappen. Omwille van wat wij denken zijnde een hoog speculatieve aard van de vorderingen en tegenvorderingen van de curator van AgfaPhoto GmbH, achten wij het onmogelijk om tot een betrouwbare schatting te komen van de financiële gevolgen van meerdere van deze arbitrageprocedures.
Het totaal van de beloningen voor managers op sleutelposities opgenomen in de winst- en verliesrekening bedraagt:
| 2011 | 2010 | |||
|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO | BESTUURDERS | EXECUTIVE MANAGEMENT |
BESTUURDERS | EXECUTIVE MANAGEMENT |
| KORTLOPENDE PERSONEELSBELONINGEN | 0,6 | 4,1 | 1 | 5,1 |
| VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING | - | 0,4 | - | 0,3 |
| OP AANDELEN GEBASEERDE BETALINGEN | - | - | - | 0,1 |
| TOTAAL | 0,6 | 4,5 | 1 | 5,5 |
Per 31 december 2011 waren er geen uitstaande leningen ten behoeve van managers op sleutelposities. De verplichtingen voor vergoedingen na uitdiensttreding voor de leden en de gepensioneerde leden van het Executive Management, opgenomen in de geconsolideerde balans op 31 december 2011, bedragen 15 miljoen euro.
Transacties met verwante partijen betreffen voornamelijk handelstransacties en zijn gebaseerd op het 'at arm's length' principe. De kosten en opbrengsten met betrekking tot deze transacties zijn immaterieel in het kader van de geconsolideerde jaarrekening.
De berekening van de gewone winst per aandeel is gebaseerd op een toe te kennen winst (verlies) aan de aandeelhouders van de Onderneming van min 73 miljoen euro (2010: 105 miljoen euro) en een gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande aandelen gedurende het jaar 2011 van 167.751.190 (2010: 130.571.878).
Het gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande aandelen werd als volgt berekend:
| AANTAL UITSTAANDE GEWONE AANDELEN OP 1 JANUARI 2011 | 167.751.190 | |
|---|---|---|
| EFFECT VAN OPTIES UITGEOEFEND GEDURENDE 2011 | - | |
| GEWOGEN GEMIDDELDE AANTAL GEWONE UITSTAANDE AANDELEN OP 31 DECEMBER 2011 | 167.751.190 | |
| EURO | 2011 | 2010 |
| GEWONE WINST PER AANDEEL | (0,44) | 0,80 |
De berekening van de verwaterde winst per aandeel is gebaseerd op een toe te kennen winst (verlies) aan de aandeelhouders van de Onderneming van -73 miljoen euro (2010: 105 miljoen euro) en een gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande verwaterde aandelen gedurende het jaar 2011 van 167.751.190 (2010: 130.571.878). Er dient te worden opgemerkt dat de verschillende aandelenoptieplannen ('Long Term Incentive Plan' - tranche 2 t.e.m. 8) geen aanleiding gaven tot verwatering in 2010 noch in 2011.
Het gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande verwaterde aandelen werd als volgt berekend:
| AANTAL UITSTAANDE GEWONE AANDELEN OP 1 JANUARI 2011 | 167.751.190 |
|---|---|
| EFFECT VAN POTENTIËLE GEWONE AANDELEN DIE TOT VERWATERING ZULLEN LEIDEN (TOELICHTING 21) | - |
| GEWOGEN GEMIDDELDE AANTAL GEWONE UITSTAANDE VERWATERDE AANDELEN OP 31 DECEMBER 2011 | 167.751.190 |
De gemiddelde reële waarde van een gewoon aandeel bedroeg in 2011 2,54 euro per aandeel.
| EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| VERWATERDE WINST PER AANDEEL | (0,44) | 0,80 |
De moedermaatschappij van de Groep, Agfa-Gevaert NV (BE 404 021 727), Mortsel (België) is de moedermaatschappij van de volgende belangrijke dochterondernemingen:
| GECONSOLIDEERDE ONDERNEMINGEN PER 31 DECEMBER 2011 | ||
|---|---|---|
| NAAM VAN DE ONDERNEMING | LOCATIE | DEELNEMINGS-% |
| AGFA (PTY.) LTD. | ISANDO/ZUID-AFRIKA | 100 |
| AGFA (WUXI) IMAGING CO., LTD. | WUXI/CHINA | 99,16 |
| AGFA (WUXI) PRINTING PLATE CO. LTD. | WUXI/CHINA | 51 |
| AGFA ASEAN SDN. BHD. | PETALING JAYA/MALEISIË | 51 |
| AGFA CORPORATION | RIDGEFIELD PARK/VERENIGDE STATEN | 100 |
| AGFA DE MEXICO S.A. DE C.V. | DEL. BENITO JUAREZ/MEXICO | 100 |
| AGFA FINANCE CORP. | WILMINGTON/VERENIGDE STATEN | 100 |
| AGFA FINANCE INC. | TORONTO/CANADA | 100 |
| AGFA FINANCE ITALY S.P.A. | MILAAN/ITALIË | 100 |
| AGFA FINANCE NV - BE 436 501 879 | MORTSEL/BELGIË | 100 |
| AGFA FINANCE POLAND SP.Z.O.O. | WARSCHAU/POLEN | 100 |
| AGFA FINCO HOLDING S.À R.L. | LUXEMBURG/LUXEMBURG | 100 |
| AGFA FINCO NV - BE 810 156 470 | MORTSEL/BELGIË | 100 |
| AGFA GRAPHICS ARGENTINA S.A. | BUENOS AIRES/ARGENTINIË | 100 |
| AGFA GRAPHICS ASIA LTD. | HONG KONG/CHINA | 51 |
| AGFA GRAPHICS AUSTRIA GMBH | WENEN/OOSTENRIJK | 100 |
| AGFA GRAPHICS GERMANY GMBH & CO. KG | KEULEN/DUITSLAND | 100 |
| AGFA GRAPHICS IRELAND LTD. | DUBLIN/IERLAND | 100 |
| AGFA GRAPHICS LTD. | LEEDS/VERENIGD KONINKRIJK | 100 |
| AGFA GRAPHICS MIDDLE EAST FZCO | DUBAI/VERENIGDE ARABISCHE EMIRATEN | 100 |
| AGFA GRAPHICS NV - BE 456 366 588 | MORTSEL/BELGIË | 100 |
| AGFA GRAPHICS S.R.L. | MILAAN/ITALIË | 100 |
| AGFA GRAPHICS SP. Z.O.O. | WARSCHAU/POLEN | 100 |
| AGFA GRAPHICS SWITZERLAND AG | DÜBENDORF/ZWITSERLAND | 100 |
| AGFA HEALTHCARE - KNIGHTSBRIDGE GMBH | WENEN/OOSTENRIJK | 60 |
| AGFA HEALTHCARE AG | DÜBENDORF/ZWITSERLAND | 100 |
| AGFA HEALTHCARE AG | TRIER/DUITSLAND | 100 |
| AGFA HEALTHCARE ARGENTINA S.A. | BUENOS AIRES/ARGENTINIË | 100 |
| AGFA HEALTHCARE AUSTRALIA LIMITED | VICTORIA/AUSTRALIË | 100 |
| AGFA HEALTHCARE BRAZIL IMPORTACAO E SERVICOS LTDA. | SAO PAULO/BRAZILIË | 100 |
| AGFA HEALTHCARE CHILE LTDA. | SANTIAGO DE CHILE/CHILI | 100 |
| AGFA HEALTHCARE COLOMBIA LTDA. | BOGOTA/COLOMBIA | 100 |
| AGFA HEALTHCARE CORPORATION | GREENVILLE/VERENIGDE STATEN | 100 |
| AGFA HEALTHCARE CZECH S.R.O. | PRAAG/TSJECHIË | 100 |
| AGFA HEALTHCARE DENMARK A/S | KOPENHAGEN/DENEMARKEN | 100 |
| AGFA HEALTHCARE ENTERPRISE SOLUTIONS S.A. | ARTIGUES PRÈS BORDEAUX/FRANKRIJK | 100 |
| AGFA HEALTHCARE EQUIPMENTS PORTUGAL LDA. | OEIRAS/PORTUGAL | 100 |
| AGFA HEALTHCARE FINLAND OY AB | ESPOO/FINLAND | 100 |
| AGFA HEALTHCARE GERMANY GMBH | BONN/DUITSLAND | 100 |
| AGFA HEALTHCARE GES.MBH | WENEN/OOSTENRIJK | 100 |
| AGFA HEALTHCARE GMBH | BONN/DUITSLAND | 100 |
| AGFA HEALTHCARE HELLAS A.E.B.E. | PERISTERI/GRIEKENLAND | 100 |
| AGFA HEALTHCARE HONG KONG LTD. | HONG KONG, CHINA | 100 |
| AGFA HEALTHCARE HUNGARY KFT. | BOEDAPEST/HONGARIJE | 100 |
| AGFA HEALTHCARE IMAGING AGENTS GMBH KEULEN/DUITSLAND 100 AGFA HEALTHCARE INC. TORONTO/CANADA 100 AGFA HEALTHCARE INDIA PRIVATE LTD. THANE/INDIA 100 AGFA HEALTHCARE LUXEMBOURG S.A. BERTRANGE/LUXEMBURG 100 AGFA HEALTHCARE MALAYSIA SDN. BHD. KUALA LUMPUR/MALEISIË 100 AGFA HEALTHCARE MEXICO S.A. DE C.V. DEL. BENITO JUAREZ/MEXICO 100 AGFA HEALTHCARE NORWAY AS OSLO/NOORWEGEN 100 AGFA HEALTHCARE NV - BE 403 003 524 MORTSEL/BELGIË 100 AGFA HEALTHCARE SHANGHAI LTD. SHANGHAI/CHINA 100 AGFA HEALTHCARE SINGAPORE PTE. LTD. SINGAPORE 100 AGFA HEALTHCARE SOUTH AFRICA PTY. LTD. ISANDO/ZUID-AFRIKA 100 AGFA HEALTHCARE SPAIN S.A.U. BARCELONA/SPANJE 100 AGFA HEALTHCARE SWEDEN AB KISTA/ZWEDEN 100 AGFA HEALTHCARE SYSTEMS TAIWAN CO. LTD. TAIPEI/TAIWAN 100 AGFA HEALTHCARE UK LIMITED BRENTFORD/VERENIGD KONINKRIJK 100 AGFA II ACQUISITION CORP. (PITMAN) WILMINGTON/VERENIGDE STATEN 100 AGFA IMAGING (SHENZHEN) CO LTD. SHENZHEN/CHINA 51 AGFA INC. TORONTO/CANADA 100 |
NAAM VAN DE ONDERNEMING | LOCATIE | DEELNEMINGS-% |
|---|---|---|---|
| AGFA INDIA PRIVATE LTD. THANE/INDIA 100 |
|||
| AGFA INDUSTRIES KOREA LTD. KYUNGGI-DO/ZUID-KOREA 100 |
|||
| AGFA LIMITED DUBLIN/IERLAND 100 |
|||
| AGFA MATERIALS CORPORATION WILMINGTON/VERENIGDE STATEN 100 |
|||
| AGFA MATERIALS HONG KONG LTD. HONG KONG/CHINA 100 |
|||
| AGFA MATERIALS JAPAN LTD. TOKYO/JAPAN 100 |
|||
| AGFA MATERIALS LTD. PINEWOOD/VERENIGD KONINKRIJK 100 |
|||
| AGFA MATERIALS TAIWAN CO. LTD. TAIPEI/TAIWAN 100 |
|||
| AGFA SCOTS LTD. EDINBURGH/VERENIGD KONINKRIJK 100 |
|||
| AGFA SINGAPORE PTE. LTD. SINGAPORE 51 |
|||
| AGFA SOLUTIONS SAS RUEIL-MALMAISON/FRANKRIJK 100 |
|||
| AGFA SP. Z.O.O. WARSCHAU/POLEN 100 |
|||
| AGFA TAIWAN CO. LTD. TAIPEI/TAIWAN 51 |
|||
| AGFA-DOTRIX NV - BE 862 335 641 GENT/BELGIË 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT A.E.B.E. ATHENE/GRIEKENLAND 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT AB KISTA/ZWEDEN 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT AKTIENGESELLSCHAFT FÜR ALTERSVERSORGUNG KEULEN/DUITSLAND 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT ARGENTINA S.A. BUENOS AIRES/ARGENTINIË 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT B.V. RIJSWIJK/NEDERLAND 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT COLOMBIA LTDA. BOGOTA/COLOMBIA 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT DE VENEZUELA S.A. CARACAS/VENEZUELA 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT DO BRASIL LTDA. SAO PAULO/BRAZILIË 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT GRAPHIC SYSTEMS GMBH KEULEN/DUITSLAND 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT HEALTHCARE GMBH KEULEN/DUITSLAND 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT INTERNATIONAL NV - BE 429 758 696 MORTSEL/BELGIË 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT INVESTMENT FUND NV - BE 428 599 151 MORTSEL/BELGIË 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT JAPAN, LTD. TOKYO/JAPAN 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT LIMITED VICTORIA/AUSTRALIË 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT LIMITED BRENTFORD/VERENIGD KONINKRIJK 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT LTDA. SANTIAGO DE CHILE/CHILI 100 |
|||
| AGFA-GEVAERT NV & CO. KG KEULEN/DUITSLAND 100 |
| GECONSOLIDEERDE ONDERNEMINGEN PER 31 DECEMBER 2011 | ||
|---|---|---|
| NAAM VAN DE ONDERNEMING | LOCATIE | DEELNEMINGS-% |
| AGFA-GEVAERT NZ LTD. | AUCKLAND/NIEUW-ZEELAND | 100 |
| AGFA-GEVAERT S.A. | RUEIL-MALMAISON/FRANKRIJK | 99,99 |
| AGFA-GEVAERT S.A.U. | BARCELONA/SPANJE | 100 |
| AGFA-GEVAERT S.P.A. | MILAAN/ITALIË | 100 |
| INSIGHT AGENTS FRANCE S.R.L. | MARCQ EN BAROEUL/FRANKRIJK | 100 |
| LASTRA ATTREZATURE S.R.L. | MANERBIO/ITALIË | 60 |
| LITHO SUPPLIES (UK) LTD. | DERBY/VERENIGD KONINKRIJK | 100 |
| LUITHAGEN NV - BE 425 745 668 | MORTSEL/BELGIË | 100 |
| NEW PROIMAGE AMERICA INC. | PRINCETON/VERENIGDE STATEN | 100 |
| NEW PROIMAGE LTD. | TEL AVIV/ISRAËL | 100 |
| OOO AGFA | MOSKOU/RUSLAND | 100 |
| OOO AGFA GRAPHICS | MOSKOU/RUSLAND | 100 |
| OY AGFA-GEVAERT AB | ESPOO/FINLAND | 100 |
| PLURIMETAL DO BRASIL LTDA. | RIO DE JANEIRO/BRAZILIË | 100 |
| SHANGHAI AGFA IMAGING PRODUCTS CO., LTD. | SHANGHAI/CHINA | 51 |
| WPD INFORMATICA LTDA. | PARNAMIRIM/BRAZILIË | 100 |
| NAAM VAN DE ONDERNEMING | LOCATIE | DEELNEMINGS-% |
|---|---|---|
| PLANORG INFORMATIK GMBH | JENA/DUITSLAND | 24,50 |
Geen gebeurtenissen na balansdatum.
De honoraria met betrekking tot audit en aan audit gerelateerde prestaties geleverd door KPMG Bedrijfsrevisoren en zijn netwerk kan als volgt gedetailleerd worden:
| EURO | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| BEZOLDIGING VAN DE COMMISSARIS VOOR DE UITOEFENING VAN EEN MANDAAT VAN | ||
| COMMISSARIS VOOR DE VENNOOTSCHAP EN DE GROEP (BELGIË) | 559.284 | 544.352 |
| BEZOLDIGING VAN DE COMMISSARIS VOOR UITZONDERLIJKE WERKZAAMHEDEN OF BIJZONDERE | ||
| OPDRACHTEN UITGEVOERD VOOR DE VENNOOTSCHAP EN DE GROEP: | ||
| ANDERE CONTROLE | 15.000 | 441.430 |
| BELASTINGADVIES | 26.755 | 98.975 |
| ANDERE OPDRACHTEN BUITEN DE REVISORALE | 10.000 | 23.650 |
| SUBTOTAAL | 611.039 | 1.108.407 |
| BEZOLDIGINGEN VAN PERSONEN MET WIE DE COMMISSARIS VERBONDEN IS VOOR DE UITOEFENING | ||
| VAN EEN MANDAAT VAN COMMISSARIS VOOR DE GROEP (BUITENLANDSE VENNOOTSCHAPPEN) | 1.334.830 | 1.339.056 |
| BEZOLDIGING VAN PERSONEN MET WIE DE COMMISSARIS VERBONDEN IS VOOR UITZONDERLIJKE | ||
| WERKZAAMHEDEN OF BIJZONDERE OPDRACHTEN UITGEVOERD VOOR DE GROEP: | ||
| ANDERE CONTROLE | 104.408 | 100.987 |
| BELASTINGADVIES | 36.000 | 47.372 |
| ANDERE OPDRACHTEN BUITEN DE REVISORALE | 99.517 | 744.997 |
| SUBTOTAAL | 1.574.755 | 2.232.412 |
| TOTAAL | 2.185.794 | 3.340.819 |
De honoraria voor de audit van de financiële staten bevatten honoraria voor de audit van de geconsolideerde jaarrekening alsook de honoraria voor de audit van de financiële staten van dochterondernemingen in België en in het buitenland. De andere opdrachten buiten de revisorale omvatten adviesverlening in het kader van speciale opdrachten. In 2010 omvatten deze honoraria in het kader van de kapitaalsverhoging en andere specifieke waarderingsopdrachten.
VERSLAG VAN DE COMMISSARIS AAN DE ALGEMENE VERGADERING DER AANDEELHOUDERS
Overeenkomstig de wettelijke en statutaire bepalingen, brengen wij u verslag uit in het kader van ons mandaat van commissaris. Dit verslag omvat ons oordeel over het getrouw beeld van de geconsolideerde jaarrekening evenals de vereiste bijkomende vermelding.
Wij hebben de controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van Agfa-Gevaert NV ('de Vennootschap') en haar dochterondernemingen (samen 'de Groep') opgesteld in overeenstemming met International Financial Reporting Standards (IFRS), zoals aanvaard binnen de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en bestuursrechterlijke voorschriften. Deze geconsolideerde jaarrekening omvat de geconsolideerde balans op 31 december 2011, de geconsolideerde winst- en verliesrekening en geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, het geconsolideerde mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerde kasstroomoverzicht voor het boekjaar afgesloten op die datum, evenals een toelichting die een overzicht van de voornaamste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige informatieverschaffing bevat. Het geconsolideerde balanstotaal bedraagt 2.949 miljoen euro en de geconsolideerde winst- en verliesrekening toont een verlies van het boekjaar van 71 miljoen euro.
Het bestuursorgaan van de vennootschap is verantwoordelijk voor het opstellen en de getrouwe weergave van de geconsolideerde jaarrekening in overeenstemming met 'International Financial Reporting Standards' (IFRS) zoals aanvaard binnen de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften evenals voor een interne controle als het bestuursorgaan dit noodzakelijk acht om het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang, als gevolg van fraude of fouten.
Onze verantwoordelijkheid is een oordeel over deze geconsolideerde jaarrekening tot uitdrukking te brengen op basis van onze controle. Wij hebben onze controle uitgevoerd overeenkomstig de 'International Standards on Auditing', de wettelijke bepalingen en volgens de in België geldende controlenormen, zoals uitgevaardigd door het Instituut van de Bedrijfsrevisoren. Deze normen vereisen dat wij voldoen aan ethische vereisten en dat wij onze controle zo plannen en uitvoeren dat een redelijke mate van zekerheid wordt verkregen dat de geconsolideerde jaarrekening geen afwijkingen van materieel belang bevat.
Een controle bestaat uit het uitvoeren van controlewerkzaamheden ter verkrijging van controleinformatie over de in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen bedragen en toelichtingen. De geselecteerde controlewerkzaamheden zijn afhankelijk van onze beoordeling welke een inschatting omvat van de risico's dat de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat als gevolg van fraude of fouten. Bij het maken van deze risico-inschatting houden wij rekening met de interne controle van de groep die relevant is voor het opstellen en de getrouwe weergave van de geconsolideerde jaarrekening ten einde in de gegeven omstandigheden de gepaste controlewerkzaamheden te bepalen, maar niet om een oordeel over de doeltreffendheid van de interne controle van de groep tot uitdrukking te brengen. Een controle omvat tevens een beoordeling van de gegrondheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving en van de redelijkheid van de boekhoudkundige ramingen gemaakt door het bestuursorgaan, alsook van de voorstelling van de geconsolideerde jaarrekening als geheel. Ten slotte, hebben wij van het bestuursorgaan en van de verantwoordelijken van de vennootschap de voor onze controlewerkzaamheden vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.
Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie een redelijke basis vormt voor het uitbrengen van ons oordeel.
Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening afgesloten op 31 december 2011 een getrouw beeld van het vermogen, de geconsolideerde financiële toestand van de Groep evenals van haar geconsolideerde resultaten en geconsolideerde kasstromen voor het boekjaar eindigend op die datum, in overeenstemming met 'International Financial Reporting Standards' (IFRS) zoals aanvaard binnen de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en bestuursrechterlijke voorschriften.
Het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening vallen onder de verantwoordelijkheid van het bestuursorgaan.
Het is onze verantwoordelijkheid om in ons verslag de volgende bijkomende vermelding op te nemen die niet van aard is om de draagwijdte van onze verklaring over de geconsolideerde jaarrekening te wijzigen:
• Het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening behandelt de door de wet vereiste inlichtingen en stemt overeen met de geconsolideerde jaarrekening. Wij kunnen ons echter niet uitspreken over de beschrijving van de voornaamste risico's en onzekerheden waarmee de groep wordt geconfronteerd, alsook van haar positie, haar voorzienbare evolutie of de aanmerkelijke invloed van bepaalde feiten op haar toekomstige ontwikkeling. Wij kunnen evenwel bevestigen dat de verstrekte gegevens geen onmiskenbare inconsistenties vertonen met de informatie waarover wij beschikken in het kader van ons mandaat.
Kontich, 22 maart 2012
KPMG Bedrijfsrevisoren Commissaris vertegenwoordigd door
Erik Clinck Filip De Bock Bedrijfsrevisor Bedrijfsrevisor
De volgende bladzijden zijn uittreksels van de statutaire jaarrekening van Agfa-Gevaert NV, opgesteld overeenkomstig de Belgische boekhoudkundige regels. Het verslag van de Raad van Bestuur aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders en de jaarrekening van Agfa-Gevaert NV zullen samen met het verslag van de commissaris-revisor gedeponeerd worden bij de Nationale Bank van België binnen de statutair bepaalde termijn. Deze documenten zijn op aanvraag verkrijgbaar bij de afdeling Investor Relations van de Vennootschap en beschikbaar op www.agfa.com/investorrelations.
Alleen de geconsolideerde jaarrekening vervat in de voorafgaande bladzijden geeft een correct en betrouwbaar beeld van de financiële situatie en de prestaties van de Agfa-Gevaert Groep. Het statutair verslag van de commissaris-revisor bevat geen bemerkingen en verklaart dat de niet-geconsolideerde jaarrekening van Agfa-Gevaert NV over het jaar, dat eindigde op 31 december 2011, een correct en betrouwbaar beeld geeft van de financiële situatie en de resultaten van de Vennootschap, en dit in overeenstemming met alle wettelijke en statutaire bepalingen.
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 | |
|---|---|---|---|
| I. | BEDRIJFSOPBRENGSTEN | ||
| A. | OMZET | 735 | 689 |
| B. | VOORRAAD GOEDEREN IN BEWERKING EN GEREED PRODUCT | ||
| EN BESTELLINGEN IN UITVOERING (TOENAME +, AFNAME -) | 7 | 12 | |
| C. | GEPRODUCEERDE VASTE ACTIVA | 25 | 20 |
| D. | ANDERE BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 94 | 104 |
| TOTALE BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 861 | 825 | |
| II. | BEDRIJFSKOSTEN | ||
| A. | HANDELSGOEDEREN, GROND- EN HULPSTOFFEN | ||
| 1. AANKOPEN | 537 | 420 | |
| 2. VOORRAAD (TOENAME -, AFNAME +) | - | (3) | |
| B. | DIENSTEN EN DIVERSE GOEDEREN | 131 | 144 |
| C. | BEZOLDIGINGEN, SOCIALE LASTEN EN PENSIOENEN | 212 | 210 |
| D. | AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN OP OPRICHTINGSKOSTEN, | ||
| OP IMMATERIËLE EN MATERIËLE VASTE ACTIVA | 25 | 21 | |
| E. | WAARDEVERMINDERINGEN OP VOORRADEN, OP BESTELLINGEN IN UITVOERING | ||
| EN OP HANDELSVORDERINGEN (TOEVOEGINGEN +, TERUGNEMINGEN -) | (1) | 5 | |
| F. | VOORZIENINGEN VOOR RISICO'S EN KOSTEN (TOEVOEGINGEN +, BESTEDINGEN EN TERUGNEMINGEN -) | 6 | (29) |
| G. | ANDERE BEDRIJFSKOSTEN | 11 | 9 |
| TOTALE BEDRIJFSKOSTEN | 911 | 777 | |
| III. | BEDRIJFSWINST (VERLIES) | (50) | 48 |
| IV. | FINANCIËLE OPBRENGSTEN | 242 | 374 |
| V. | FINANCIËLE KOSTEN | (252) | (340) |
| VI. | WINST (VERLIES) UIT DE GEWONE BEDRIJFSUITOEFENING VÓÓR BELASTING | (60) | 82 |
| VII. | UITZONDERLIJKE OPBRENGSTEN | 2 | 35 |
| VIII. | UITZONDERLIJKE KOSTEN | (32) | (4) |
| IX. | WINST (VERLIES) VAN HET BOEKJAAR VÓÓR BELASTING | (90) | 113 |
| IXBIS. OVERBOEKING AAN DE UITGESTELDE BELASTINGEN | 0 | 0 | |
| X. | BELASTINGEN OP HET RESULTAAT | 0 | 3 |
| XI. | WINST (VERLIES) VAN HET BOEKJAAR | (90) | 116 |
| XII. | OVERBOEKING NAAR BELASTINGVRIJE RESERVES | 0 | 0 |
| XIII. | TE BESTEMMEN WINST (VERLIES) VAN HET BOEKJAAR | (90) | 116 |
| RESULTAATVERWERKING | |||
| A. | TE BESTEMMEN WINSTSALDO | 594 | 689 |
| 1. TE BESTEMMEN WINST (VERLIES) VAN HET BOEKJAAR | (90) | 116 | |
| 2. OVERGEDRAGEN WINST VAN HET VORIGE BOEKJAAR | 684 | 573 | |
| B. | ONTTREKKING AAN HET EIGEN VERMOGEN | 0 | 0 |
| C. | TOEVOEGING AAN HET EIGEN VERMOGEN | 0 | 5 |
| D. | OVER TE DRAGEN WINST (VERLIES) | 594 | 684 |
| F. | UIT TE KEREN WINST | 0 | 0 |
| MILJOEN EURO | 31 DEC. 2011 | 31 DEC. 2010 |
|---|---|---|
| ACTIVA | ||
| I. OPRICHTINGSKOSTEN |
4 | 0 |
| II. IMMATERIËLE VASTE ACTIVA |
31 | 30 |
| III. MATERIËLE VASTE ACTIVA |
25 | 18 |
| IV. FINANCIËLE VASTE ACTIVA |
3.310 | 3.162 |
| V. VORDERINGEN OP MEER DAN ÉÉN JAAR |
0 | 0 |
| VI. VOORRADEN EN BESTELLINGEN IN UITVOERING |
145 | 128 |
| VII. VORDERINGEN OP TEN HOOGSTE 1 JAAR |
351 | 492 |
| VIII. GELDBELEGGINGEN | 5 | 103 |
| IX. LIQUIDE MIDDELEN |
2 | 22 |
| X. OVERLOPENDE REKENINGEN |
1 | 1 |
| TOTAAL | 3.874 | 3.956 |
| PASSIVA | ||
| I. KAPITAAL |
187 | 187 |
| II. UITGIFTEPREMIES |
211 | 211 |
| IV. RESERVES |
417 | 417 |
| V. OVERGEDRAGEN WINST |
594 | 684 |
| VI. KAPITAALSUBSIDIES |
2 | 4 |
| TOTAAL | 1.411 | 1.503 |
| TOTAAL | 1.411 | 1.503 |
|---|---|---|
| VII. VOORZIENINGEN EN UITGESTELDE BELASTINGEN |
103 | 96 |
| VIII. SCHULDEN OP MEER DAN 1 JAAR | 195 | 315 |
| IX. SCHULDEN OP TEN HOOGSTE 1 JAAR |
2.140 | 2.021 |
| X. OVERLOPENDE REKENINGEN |
25 | 21 |
| TOTAAL | 3.874 | 3.956 |
De Association of Southeast Asian Nations bestaat uit Brunei, Cambodja, Indonesië, Laos, Maleisië, Myanmar, Filippijnen, Singapore, Thailand en Vietnam. De organisatie heeft tot doel de samenwerking tussen de lidstaten te ondersteunen.
2 WOORDENLIJST 153
Deze softwareapplicaties analyseren digitale medische beelden en passen automatisch beeldverbeteringstechnieken toe om alle details beter in beeld te brengen. Ze verbeteren de workflow in de radiografieafdelingen en ze geven de radioloog de mogelijkheid om sneller en accurater te werken. Agfa HealthCare's MUSICA²-software wordt algemeen erkend als de norm in deze markt.
Cardiale CT of cardiale computed tomography is een test waarbij röntgenstralen gebruikt worden om gedetailleerde beelden van het hart te maken.
Een drukplaat die na de belichting geen extra chemische behandelingen nodig heeft.
Technologie waarbij röntgenbeelden gemaakt worden met conventionele röntgenapparatuur, maar waarbij de beelden vastgelegd worden op herbruikbare platen, in plaats van op röntgenfilm. De informatie op de platen wordt gelezen door een digitizer, wat een digitaal beeld oplevert. Aangepaste beeldverwerkingssoftware (zoals Agfa's MUSICA²) kan gebruikt worden om de kwaliteit van de beelden automatisch te optimaliseren voor het stellen van diagnoses. De digitale beelden kunnen ook aangevuld worden met manuele input (aantekeningen, afmetingen,…). Ze worden beheerd en gearchiveerd op een PACS-systeem.
ZIE OOK DIRECT RADIOGRAPHY
Een proces waarbij de pagina's of de illustraties van drukwerk – bijvoorbeeld de pagina's van kranten of magazines – rechtstreeks vanaf computerfiles digitaal belicht worden op een (transparante) film. De films worden dan chemisch ontwikkeld en gebruikt om drukplaten te maken. ZIE OOK COMPUTER-TO-PLATE
Een proces waarbij de pagina's of de illustraties van drukwerk – bijvoorbeeld de pagina's van kranten of magazines – rechtstreeks vanaf computerfiles digitaal belicht worden op drukplaten, zonder dat daarbij film nodig is. ZIE OOK COMPUTER-TO-FILM
Voor een onderzoek met röntgen-, CT- of MRI-technologie kunnen patiënten contrastmedia toegediend krijgen. Deze contrastvloeistoffen worden gebruikt om specifieke anatomische structuren (vooral bloedvaten) beter te doen uitkomen op de beelden.
Een CT-scanner gebruikt een reeks röntgenstralen om 'beeldschijven' van het lichaam te maken. Agfa's productportfolio bevat geen CT-scanners, maar zijn PACS-systemen worden gebruikt voor het beheer en de 3D-visualisatie van de digitale beelden. Met Agfa's hardcopyprinters kunnen hoogkwalitatieve afdrukken van de beelden gemaakt worden.
Een vorm van röntgenonderzoek waarbij digitale technologie gebruikt wordt in plaats van traditionele fotografische röntgenfilm. De meest gebruikelijke technologieën voor digitale radiografie zijn computed radiography en direct radiography.
ZIE COMPUTED RADIOGRAPHY
Radiografische technologie die röntgenenergie omzet in digitale gegevens zonder als tussenstap gebruik te maken van film of platen voor het vastleggen van beelden. Deze digitale data genereren een diagnostisch beeld op een PC. Het feit dat het om digitale gegevens gaat, opent een hele reeks mogelijkheden op het gebied van beeldoptimalisering en -aanvulling en van archivering op PACS-systemen. DR-systemen worden meestal gebruikt in gecentraliseerde radiologieomgevingen. ZIE OOK COMPUTED RADIOGRAPHY
De voorbereiding en verwerking van beelden, tekst en documentgegevens voordat ze op drukplaten overgebracht worden, inclusief het scannen met hoge resolutie van beelden, de separatie van kleuren, de verschillende types van proefdrukken, enz.
Drukplaten die bestaan uit een hoogkwalitatief aluminiumsubstraat en een deklaag die ontworpen is om te weerstaan aan relatief hoge hoeveelheden ultravioletenergie (UV). Een belichte film wordt vacuüm in contact gebracht met een plaat. De UV-lichtbron kopieert de gegevens van de film op de plaat. De afbeeldingen en tekst zijn de opake delen van de film, de rest is transparant. Het UV-licht treft de plaat alleen waar de film transparant is. Een chemisch ontwikkelingsprocédé etst de belichte delen van de plaat, terwijl de niet-belichte delen onveranderd blijven. De inkt hecht zich aan de belichte – of chemisch behandelde – delen tijdens het drukproces.
Drukplaten die bestaan uit een hoogkwalitatief geruwd en geanodiseerd aluminiumsubstraat en een deklaag (uit zilver of fotopolymeer) die duizend keer gevoeliger is dan die van CtF-platen. De lasers die gebruikt worden voor het belichten van deze platen werken met thermische energie of zichtbaar licht. De deklaag reageert op de laserenergie waardoor chemische/fysische veranderingen aan het oppervlak van de plaat ontstaan. Net als de CtF-platen worden de CtPplaten daarna ontwikkeld om een plaat te creëren waarmee gedrukt kan worden. Bij enkele technologieën is er geen ontwikkeling van de plaat meer nodig.
De drukproef die door de klant (de koper van drukwerk) wordt goedgekeurd. Ze toont hoe de kleuren door de drukpers weergegeven zullen worden. De drukker gaat dus een 'contract' over de kleurendruk aan met de klant. Deze weergave van het uiteindelijke resultaat wordt mogelijk gemaakt door Agfa's hoogtechnologische softwaresystemen voor kleurenbeheer.
Echocardiografie gebruikt geluidsgolven om een bewegend beeld van het hart te creëren. Met een echocardiogram kunnen dokters het kloppen van het hart bestuderen, alsook de hartkleppen en andere structuren van het hart.
Term voor het gebruik van informatie- en communicatietechnologie in de gezondheidszorgsector.
Wanneer het Electronic Patient Record van een persoon gekoppeld wordt aan zijn/haar niet-medische elektronische dossiers van organisaties als overheden en verzekeringsmaatschappijen, ontstaat een EHR.
Het elektronisch alternatief voor het patiëntendossier op papier. Het EPR bevat alle gegevens van een patiënt, waaronder demografische info, de onderzoeksopdrachten en de resultaten ervan, laboratoriumrapporten, radiologische beelden en rapporten, behandelingsplannen, speciale dieetvereisten, enz. Het kan eenvoudig in het hele ziekenhuis en eventueel zelfs daarbuiten geraadpleegd worden.
Druktechniek waarbij flexibele, rubberen of kunststof drukplaten bevestigd worden op drukrollen. De inkt wordt op de drukplaten aangebracht, die dan als een stempel tegen het papier of ander substraat gedrukt worden.
Een dunne plaat (ook bord genoemd) waarop chips en andere elektronische componenten bevestigd worden. Computers bevatten een of meer borden. Gedrukte schakelingen worden ook printplaten of printed circuit boards genoemd.
Op polyester gebaseerde film die speciaal ontworpen is voor het opnemen en printen van alle hedendaagse types van soundtracks, zoals analoge en digitale soundtracks, Dolby, DTS (Digital Theater Systems) en SDDS (Sony Dynamic Digital Sound).
Ook breedformaatprinter genoemd. Digitale printer die op vellen of rollen van 24 inch/60 cm of breder drukt.
Een hardcopy is de uitgeprinte versie van een digitaal beeld. De hardcopyprinters van Agfa HealthCare kunnen medische beelden printen die afkomstig zijn van verschillende bronnen: computertomografie-scans (CT), Magnetic Resonance Imaging-scans (MRI), systemen voor computed radiography en direct radiography, ... Agfa's gamma bevat zowel zogenaamde 'natte' als 'droge' printers. Natte lasertechnologie maakt gebruik van waterige chemische oplossingen voor de ontwikkeling van het beeld. De droge technologie (hardcopy dry) print het beeld rechtstreeks van de computer op een speciale film door middel van thermische effecten.
IMPAX is de merknaam van Agfa HealthCare's gamma aan Picture Archiving and Communication Systems en Radiology Information Systems (RIS). Het sturingssysteem IMPAX 6.5 is het hart van Agfa HealthCare's IMPAX Suites. Op basis van de nieuwste PACS- en RIS-technologie, ondersteunt elke suite de activiteiten van een specifiek klantentype. Het aanbod gaat van uitgebreide oplossingen die alle beeldintensieve afdelingen van ondernemingen met meerdere vestigingen aan elkaar linken over oplossingen voor alleenstaande ziekenhuizen en beeldvormingscentra tot systemen die speciaal zijn toegespitst op radiologie, mammografie, cardiovasculaire beeldvorming of orthopedie.
Elke printer die extreem kleine inktdruppels op het papier aanbrengt om een beeld te creëren. Het kan gaan van kleine apparaten voor gebruik in kantoren, over middelgrote voor bijvoorbeeld het printen van posters tot grote systemen voor industriële toepassingen.
Insight Agents heeft zijn thuisbasis in Heidelberg, Duitsland. Het ontwikkelt, produceert en verdeelt contrastmedia. In 2009 kocht Agfa HealthCare alle aandelen in Insight Agents van Curagita Holding AG.
Een onderzoeksfirma gespecialiseerd in het controleren en het rapporteren over de prestaties van leveranciers in de gezondheidszorgsector. KLAS werkt samen met managers van meer dan 4.500 ziekenhuizen en meer dan 2.500 klinieken.
Film waarmee kopieën gemaakt worden van de moederversie van een bioscoopfilm. Deze kopieën worden aan de bioscopen geleverd.
Afkorting van Light Amplification by Stimulated Emission of Radiation: een instrument dat een enkele lichtfrequentie versterkt binnen het spectrum om een gerichte, intense straal te creëren. Deze lichtstraal kan gebruikt worden om gegevens op een drukplaat of een film te schrijven. Er zijn thermische lasers en zichtbaar-lichtlasers. De eerste worden gebruikt met hittegevoelige materialen; de laatste beschrijven materialen die gevoelig zijn voor licht en kunnen opgedeeld worden in groene, violette en rode laserstralen. Rood wordt vandaag nog weinig gebruikt, terwijl de populariteit van violette lasers aanzienlijk verhoogd is door hun gebruiksgemak, betrouwbaarheid en lage kost.
De Medicare- en Medicaid-aanmoedigingsprogramma's voor Electronic Health Records bieden een financiële stimulans voor het 'zinvolle gebruik' van gecertificeerde EHR-technologie om doelstellingen op het vlak van de gezondheidszorg en van efficiëntie te bereiken. Zorgaanbieders die voor de stimulans in aanmerking willen komen, moeten kunnen aantonen dat ze gecertificeerde EHR-technologie gebruiken op een meetbare manier, kwalitatief en kwantitatief.
Een dunne, flexibele laag van een materiaal dat ontworpen is om componenten van een oplossing van elkaar te scheiden, zonder ze te beschadigen of te vervormen.
Hiermee worden in dit verslag de verschillende beeldvormingssystemen bedoeld, waaronder radiografieapparatuur, scanners voor positronemissietomografie, MRIscanners en CT-scanners. Deze systemen kunnen worden aangesloten op een PACS-systeem van Agfa.
De MRI-scanner is een medische beeldvormer die een magnetisch veld creëert rond de patiënt. Het systeem produceert beelden door radiogolven te pulseren, gericht op de te onderzoeken lichaamsdelen. Agfa's productportfolio bevat geen MRI-scanners, maar zijn PACS-systemen worden gebruikt om de digitale beelden te beheren en te visualiseren. Met Agfa's hardcopyprinters kunnen hoogkwalitatieve afdrukken van de beelden gemaakt worden.
Bij deze onderzoeksmethode worden de structuur en de tolerantie van materialen gecheckt zonder ze te beschadigen of te vervormen.
Om grote oplages te kunnen produceren moeten de meeste thermische drukplaten in een oven gebakken worden. Met de no bake thermische drukplaten van Agfa Graphics is het mogelijk om meer dan 500.000 afdrukken te maken zonder dat ze gebakken moeten worden. Dat levert tijdswinst en energiebesparing op.
Deze toonaangevende organisatie biedt uitgebreide contractdiensten aan meer dan 30.000 gezondheidszorgorganisaties in de Verenigde Staten.
Druktechniek waarbij dunne drukplaten om een cilinder gebogen worden. Al roterend nemen de drukplaten op de juiste plaatsen respectievelijk inkt of water aan. De inkt wordt overgebracht op een rubberen doek dat op een tweede cilinder is bevestigd. Vervolgens wordt de inkt van het rubber op het te bedrukken oppervlak overgebracht.
PET is de afkorting voor polyethyleentereftalaat of polyester. Het wordt geproduceerd op basis van ethyleenglycol en tereftaalzuur. PET is de basisgrondstof voor het substraat van fotografische film. Het wordt gecoat met verschillende types van chemische lagen voor bijvoorbeeld medische of grafische doeleinden.
Agfa's PACS-systemen worden op de markt gebracht onder de naam IMPAX. Oorspronkelijk waren deze systemen enkel bedoeld om de diagnostische beelden van radiologieafdelingen efficiënt te archiveren en ter beschikking te stellen van de gebruikers. Dankzij specifieke softwareontwikkelingen is IMPAX ook geschikt voor gebruik in andere ziekenhuisafdelingen, zoals cardiologie, orthopedie en vrouwengeneeskunde. Uitgebreide PACSsystemen kunnen alle ziekenhuisafdelingen die intensief met beelden werken in een netwerk verbinden. Met Agfa's MUSICA²-software kunnen beelden op het PACS-systeem bewerkt en geoptimaliseerd worden.
De in 1906 opgerichte Amerikaanse leverancier van producten en systemen voor drukvoorbereiding, industriële inkjet, pressroom en verpakkingsdruk heeft zijn hoofdkantoor in Totowa, New Jersey, VS. Agfa Graphics nam de activa van de Harold M. Pitman Company over in augustus 2010.
Een plaatbelichter 'kopieert' op een digitale manier gegevens van de computer op drukplaten, die dan ontwikkeld en op de drukpers geplaatst worden. Er zijn vlakbed- en trommelplaatbelichters. In de eerste blijven de platen vlak tijdens het belichtingsproces, terwijl ze in het laatste geval rondom of binnenin een trommel bevestigd worden.
Een polymeer is een grote molecule die is opgebouwd uit aan elkaar gekoppelde kleinere eenheden (monomeren). Er bestaan zowel natuurlijke (bv. eiwitten en rubber) als synthetische (bv. polyester, nylon) polymeren.
Geleidende polymeren, zoals Orgacon, Agfa Materials' productlijn op basis van geleidende polymeren, geleiden elektriciteit.
Bij deze beeldvormingstechniek krijgt de patiënt een licht radioactieve stof geïnjecteerd. De stof verspreidt zich naar de organen. Als er kwaadaardige tumoren aanwezig zijn, concentreert de stof zich op de aangetaste plaatsen. De PETscanner meet de radioactieve straling die van de stof uitgaat en brengt zo de tumoren en eventuele uitzaaiingen in kaart. Agfa's productportfolio bevat geen PET-scanners, maar zijn PACS-systeem wordt gebruikt om de digitale beelden te beheren en te visualiseren.
Premier Purchasing Partners, L.P., de groepsaankoopafdeling van de Premier-gezondheidszorgalliantie, dient meer dan 2.500 ziekenhuizen en 80.000 andere zorgcentra in de VS. Premier Purchasing Partners is een van de grootste groepsaankooporganisaties in de Amerikaanse zorgsector.
ZIE GEDRUKTE SCHAKELING
Agfa's RIS-systemen worden op de markt gebracht onder de naam IMPAX. Het zijn computergestuurde oplossingen voor de planning, de follow-up en de communicatie van alle gegevens over patiënten en hun onderzoeken in de radiologieafdeling, startend vanaf het moment dat een onderzoek werd aangevraagd tot en met het rapport van de radioloog. Het RIS hangt nauw samen met het Picture Archiving and Communication Systems (voor de beelden die deel uitmaken van de onderzoeken).
Het creëren van een patroon van punten van verschillende grootte, gebruikt om kleuren- of grijswaardenbeelden weer te geven. Er bestaan verschillende rastertechnologieën.
Radiological Society of North America. De missie van RSNA is het promoten en ontwikkelen van de hoogste standaarden voor radiologie en verwante wetenschappen door educatie en onderzoek. De RSNA is gastheer van de grootste jaarlijkse meeting voor radiologie ter wereld. In 2011 telde de meeting (gehouden in Chicago, Illinois, VS) 681 standhouders en bijna 60.000 bezoekers.
Shenzhen Brothers startte met het afwerken en verdelen van grafische filmmasterrollen van Agfa Graphics in 2000. Via deze samenwerking bouwde Shenzhen Brothers doorheen de jaren een toonaangevend en succesvol distributienetwerk op in de Chinese drukindustrie.
Bij thermische plaatbelichting gebruikt de plaatbelichter thermische energie om de drukplaten te belichten.
Agfa's ThermoFuse-technologie brengt beelden zonder chemisch proces op de drukplaat over. Het resultaat is een zeer stabiele en voorspelbare thermische belichting die op een efficiënte manier een einde maakt aan schommelingen en compromissen op de pers.
UV-inkt (of UV curable ink) bestaat vooral uit acrylmonomeren. Na het printen wordt de inkt door een hoge dosis ultraviolet licht getransformeerd tot een harde gepolymeriseerde film. UV-inkt droogt onmiddellijk, kan geprint worden op een grote verscheidenheid aan dragers en zorgt voor een heel duurzaam beeld. Hij bevat geen schadelijke bestanddelen zoals VOC's (Vluchtige Organische Componenten) of solventen en hij verdampt niet.
Violette lasertechnologie belicht drukplaten door gebruik te maken van de violette band van het zichtbaar-lichtspectrum. Ze zorgt voor een snelle productie, eenvoudige bediening en grote betrouwbaarheid.
Onderzoek waarbij met behulp van CT-scans poliepen en kankergezwellen in de dikke darm opgespoord worden. Agfa HealthCare's software voegt de CT-beelden samen tot een 3D-weergave van de binnenzijde van de dikke darm. De radioloog kan zo virtueel door de dikke darm navigeren om oneffenheden in de darmwand op te sporen. In tegenstelling tot de conventionele colonoscopie moet bij deze technologie dus geen buis bij de patiënt worden ingebracht.
Bij vlakbedpersen ligt het papier (of een andere drager) op een vlak oppervlak, terwijl de printkoppen erover bewegen om het beeld erop te printen.
Software die operators in staat stelt het drukvoorbereidingsproces te controleren via een interface. Hij stroomlijnt de opdrachten door de individuele stappen in het drukvoorbereidingsproces te automatiseren, wat tijd bespaart en kosten reduceert.
De Braziliaanse leider op het vlak van IT-systemen voor de gezondheidszorg en van adviserende diensten met meer dan 250 zorgcentra als klant. Agfa HealthCare kondigde in september 2011 de overname van WPD aan.
Drukproces waarbij de inkt door een metalen of nylon zeef op het papier wordt gegoten. De zeef is door middel van sjablonen waterdicht gemaakt op de plaatsen waar het papier niet bedrukt moet worden.
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 | 2009 | 2008 | 2007 |
|---|---|---|---|---|---|
| OPBRENGSTEN | 3.023 | 2.948 | 2.755 | 3.032 | 3.283 |
| KOSTPRIJS VAN VERKOPEN | (2.181) | (1.950) | (1.869) | (2.069)2 | (2.136) |
| BRUTOWINST | 842 | 998 | 886 | 9632 | 1.147 |
| VERKOOPKOSTEN | (388) | (394) | (372) | (439)2 | (523) |
| KOSTEN VAN ONDERZOEK EN ONTWIKKELING | (162) | (153) | (149) | (174)2 | (191) |
| ALGEMENE BEHEERSKOSTEN | (197) | (214) | (198) | (225)2 | (262) |
| OVERIGE BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 266 | 336 | 309 | 451 | 333 |
| OVERIGE BEDRIJFSKOSTEN | (325) | (339) | (306) | (599)2 | (379) |
| WINST (VERLIES) UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 36 | 234 | 170 | (23)2 | 125 |
| FINANCIERINGSBATEN (-KOSTEN) - NETTO | (12) | (11) | (17) | (38) | (40)1 |
| OVERIGE FINANCIËLE OPBRENGSTEN (-KOSTEN) - NETTO | (72) | (83) | (97) | (45)2 | (23)1 |
| NETTOFINANCIERINGSKOSTEN | (84) | (94) | (114) | (83)2 | (63) |
| WINST (VERLIES) VOOR BELASTINGEN | (48) | 140 | 56 | (106) | 62 |
| WINSTBELASTINGEN | (23) | (36) | (49) | (60) | (19) |
| WINST (VERLIES) OVER HET BOEKJAAR | (71) | 104 | 7 | (166) | 43 |
| WINST (VERLIES) TOEWIJSBAAR AAN: | (71) | 104 | 7 | (166) | 43 |
| AANDEELHOUDERS VAN DE ONDERNEMING | (73) | 105 | 6 | (167) | 42 |
| MINDERHEIDSBELANGEN | 2 | (1) | 1 | 1 | 1 |
| WINST PER AANDEEL (EURO) | |||||
| GEWONE WINST PER AANDEEL (EURO) | (0,44) | 0,80 | 0,05 | (1,34) | 0,34 |
| VERWATERDE WINST PER AANDEEL (EURO) | (0,44) | 0,80 | 0,05 | (1,34) | 0,34 |
(1) DE GERAPPORTEERDE CIJFERS VAN 2007 WERDEN HERWERKT. IN HET BOEKJAAR 2008 WERD DE DEFINITIE VAN DE 'FINANCIERINGSBATEN (-KOSTEN)' IN DE GECONSOLIDEERDE WINST- EN VERLIESREKENINGEN AANGEPAST EN BEVAT ENKEL NOG BETAALDE EN ONTVANGEN INTERESTEN MET BETREKKING TOT ELEMENTEN OPGENOMEN IN DE NETTO FINANCIËLE SCHULDPOSITIE. INTERESTEN OP ANDERE RENTEDRAGENDE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN WERDEN GEHERKLASSEERD NAAR DE 'OVERIGE FINANCIËLE OPBRENGSTEN/(KOSTEN)' IN DE GECONSOLIDEERDE WINST- EN VERLIESREKENINGEN. VERGELIJKENDE INFORMATIE OVER HET BOEKJAAR 2007 WERD AANGEPAST AAN DEZE NIEUWE VOORSTELLINGSWIJZE. VOOR HET JAAR 2007 WERD 5 MILJOEN EURO NETTO UIT 'FINANCIERINGSBATEN' GEHERKLASSEERD NAAR 'OVERIGE FINANCIËLE OPBRENGSTEN'. DE GROEP MEENT DAT DEZE HERWERKTE VOORSTELLINGSWIJZE RELEVANTER IS VOOR DE LEZERS VAN HAAR JAARREKENING. (2) ZOALS GERAPPORTEERD 2008, HERWERKT. TIJDENS 2009 HEEFT DE GROEP CONSEQUENT HET BOEKHOUDKUNDIGE BELEID TOEGEPAST DAT OOK IN HET VOORGAANDE JAAR
GOLD, MET UITZONDERING VAN DE WEERGAVE VAN DE KOSTEN M.B.T. DE 'VASTE-DOEL'-REGELINGEN VAN DE GROEP. DE FINANCIERINGSKOSTEN EN HET VERWACHTE RENDEMENT OP FONDSBELEGGINGEN, EVENALS HET RELATIEVE AANDEEL VAN DE AFSCHRIJVING VAN NIET-OPGENOMEN ACTUARIËLE VERLIEZEN (WINSTEN) DIE NIET KONDEN WORDEN TOEGEWEZEN AAN ACTIEVE WERKNEMERS, WERDEN GEHERKLASSEERD NAAR DE 'OVERIGE FINANCIËLE OPBRENGSTEN (KOSTEN)'. VOOR 2009 WERD VOOR 33 MILJOEN EURO AAN KOSTEN GEHERKLASSEERD VAN DE 'WINST UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN' NAAR DE 'NETTOFINANCIERINGSKOSTEN'. VERGELIJKENDE INFORMATIE OVER 2008 WERD AANGEPAST AAN DEZE NIEUWE VOORSTELLINGSWIJZE. VOOR 2008 WERD EEN OPBRENGST VAN 3 MILJOEN EURO GEHERKLASSEERD VAN HET 'WINST/(VERLIES) UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN' NAAR 'NETTOFINANCIERINGSKOSTEN'. DE GROEP MEENT DAT DEZE HERZIENE VOORSTELLING DE GEBRUIKERS VAN DE JAARREKENING RELEVANTERE INFORMATIE VERSCHAFT.
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 | 2009 | 2008 |
|---|---|---|---|---|
| WINST (VERLIES) OVER HET BOEKJAAR | (71) | 104 | 7 | (166) |
| AANPASSINGEN VOOR: | ||||
| - AFSCHRIJVINGEN EN BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | 94 | 96 | 103 | 235 |
| - WIJZIGINGEN IN DE REËLE WAARDE VAN DERIVATEN | 1 | 0 | 4 | (4) |
| - AANPASSING VOOR ANDERE NIET-KASOPBRENGSTEN | (1) | (2) | 0 | (1) |
| - (WINSTEN) VERLIEZEN UIT DE REALISATIE VAN VASTE ACTIVA | (1) | (7) | (2) | (23) |
| - WINST UIT EEN VOORDELIGE KOOP | 0 | (4) | 0 | 0 |
| - NETTOFINANCIERINGSKOSTEN | 84 | 94 | 114 | 83 |
| - WINSTBELASTINGEN | 23 | 36 | 49 | 60 |
| 129 | 317 | 275 | 184 | |
| WIJZIGINGEN IN : | ||||
| - VOORRADEN | (38) | (34) | 91 | (2) |
| - HANDELSVORDERINGEN INBEGREPEN ONTVANGSTEN UIT | ||||
| SECURITISATIE VAN HANDELSVORDERINGEN | 6 | 74 | 88 | 107 |
| - HANDELSSCHULDEN | 30 | (6) | (21) | (47) |
| - UITGESTELDE OPBRENGSTEN EN ONTVANGEN VOORUITBETALINGEN | (16) | 20 | 1 | 14 |
| - OVERIGE KORTLOPENDE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN | (43) | (3) | (11) | (16)2-4 |
| - LANGLOPENDE VOORZIENINGEN | (74) | (107) | (116) | (100)1 |
| - KORTLOPENDE VOORZIENINGEN | (2) | (1) | (23) | (45)2 |
| KASSTROMEN GEGENEREERD UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | (8) | 260 | 284 | 95 |
| BETAALDE BELASTINGEN | (19) | (25) | (18) | (18)2 |
| NETTOKASSTROMEN UIT (GEBRUIKT IN) BEDRIJFSACTIVITEITEN | (27) | 235 | 266 | 774 |
| ONTVANGEN RENTE | 3 | 3 | 2 | 3 |
| ONTVANGEN DIVIDENDEN | 0 | 0 | 0 | 0 |
| ONTVANGSTEN UIT DE VERKOOP VAN IMMATERIËLE ACTIVA | 4 | 3 | 4 | 2 |
| ONTVANGSTEN UIT DE VERKOOP VAN MATERIËLE VASTE ACTIVA | 5 | 6 | 7 | 34 |
| ONTVANGSTEN UIT DE VERKOOP VAN ACTIVA AANGEHOUDEN VOOR VERKOOP | 0 | 5 | 0 | 0 |
| INVESTERINGEN IN IMMATERIËLE ACTIVA | (5) | (12) | (7) | (14) |
| INVESTERINGEN IN MATERIËLE VASTE ACTIVA | (55) | (48) | (34) | (49) |
| VERANDERINGEN IN DE LEASE PORTFOLIO | 4 | 32 | 33 | 373 |
| OVERNAME VAN DOCHTERONDERNEMING NA AFTREK VAN VERWORVEN GELDMIDDELEN | (28) | (71) | (7) | 0 |
| WIJZIGINGEN IN ANDERE INVESTERINGSACTIVITEITEN | 1 | 6 | 0 | 43 |
| NETTOKASSTROMEN UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN | (71) | (76) | (2) | 17 |
| BETAALDE RENTE | (14) | (15) | (22) | (41) |
| BETAALDE DIVIDENDEN | 0 | 0 | 0 | 0 |
| KAPITAALVERHOGING | 0 | 145 | 0 | 0 |
| ONTVANGSTEN EN TERUGBETALINGEN UIT RENTEDRAGENDE LENINGEN | (23) | (176) | (255) | (56) |
| OVERIGE FINANCIERINGSKASSTROMEN | (8) | (3) | (16) | 3 |
| NETTOKASSTROMEN UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN | (45) | (49) | (293) | (94)4 |
| NETTOWIJZIGING IN GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | (143) | 110 | (29) | 0 |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN OP 1 JANUARI | 238 | 118 | 149 | 151 |
| IMPACT VAN VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 3 | 10 | 5 | (2) |
| EFFECT VAN WIJZIGING IN CONSOLIDATIEKRING | 0 | 0 | (7) | 0 |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN OP 31 DECEMBER | 98 | 238 | 118 | 149 |
(1) ZOALS GERAPPORTEERD 2008, HERWERKT. TIJDENS HET EERSTE KWARTAAL VAN 2009 HEEFT DE GROEP DE WEERGAVE VAN DE KOSTEN M.B.T. DE 'VASTE DOEL'-REGELINGEN VAN DE GROEP GEWIJZIGD. DE FINANCIERINGSKOSTEN EN HET VERWACHTE RENDEMENT OP FONDSBELEGGINGEN, EVENALS HET RELATIEVE AANDEEL VAN DE AFSCHRIJVING VAN NIET-OPGENOMEN ACTUARIËLE VERLIEZEN (WINSTEN) DIE NIET KONDEN WORDEN TOEGEWEZEN AAN ACTIEVE WERKNEMERS, WERDEN GEHERKLASSEERD NAAR 'OVERIGE FINANCIËLE OPBRENGSTEN (KOSTEN)'. VERGELIJKENDE INFORMATIE OVER 2008 WERD AANGEPAST AAN DEZE NIEUWE VOORSTELLINGSWIJZE. DE LIJNEN 'WINST (VERLIES) UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN' EN 'WIJZIGINGEN IN DE LANGLOPENDE VOORZIENINGEN' IN HET GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT WERDEN BEÏNVLOED DOOR DEZE HERWERKING.
(2) DE GERAPPORTEERDE CIJFERS VAN 2008 WERDEN HERWERKT. IN DE LOOP VAN HET VIERDE KWARTAAL VAN 2009 WERDEN DE BETAALDE BELASTINGEN OP EEN AFZONDERLIJKE LIJN GEPRESENTEERD IN HET KASSTROOMOVERZICHT. DE BETAALDE BELASTINGEN WERDEN GEHERKLASSEERD UIT DE LIJNEN 'WIJZIGINGEN IN DE KORTLOPENDE VOORZIENINGEN', 'WIJZIGINGEN IN DE OVERIGE KORTLOPENDE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN' EN 'OVER HET BOEKJAAR VERSCHULDIGDE BELASTINGLASTEN'. VERGELIJKENDE INFORMATIE OVER 2008 WERD AANGEPAST AAN DEZE NIEUWE VOORSTELLINGSWIJZE.
(3) DE GERAPPORTEERDE CIJFERS VAN 2008 WERDEN HERWERKT. IN DE LOOP VAN HET VIERDE KWARTAAL VAN 2009 WERDEN DE 'ONTVANGSTEN UIT DE LEASE PORTFOLIO' OP EEN APARTE LIJN GEPRESENTEERD IN HET KASSTROOMOVERZICHT. DEZE ONTVANGSTEN UIT DE LEASE PORTFOLIO WERDEN GEHERKLASSEERD UIT DE LIJN 'NETTO-INVESTERINGEN IN DEELNEMINGEN EN FINANCIERING TOEGEKEND AAN KLANTEN'. DEZE LAATSTE LIJN KREEG EEN ANDERE BENAMING: 'ONTVANGSTEN UIT OVERIGE INVESTERINGSACTIVITEITEN'.
(4) DE GERAPPORTEERDE CIJFERS VAN 2008 WERDEN HERWERKT. IN 2009 WORDT DE 'VOORFINANCIERING DOOR (VAN) AGFAPHOTO M.B.T. DE VROEGERE VERKOOP VAN CI' NIET LANGER WEERGEGEVEN OP EEN AFZONDERLIJKE LIJN GEZIEN HET IMMATERIËLE BELANG. VERGELIJKENDE INFORMATIE OVER 2008 WERD AANGEPAST AAN DEZE NIEUWE VOORSTELLINGSWIJZE. IN 2008 WERD 4 MILJOEN EURO GEHERKLASSEERD NAAR DE LIJN 'WIJZIGINGEN IN DE OVERIGE KORTLOPENDE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN'.
| MILJOEN EURO | 2007 |
|---|---|
| WINST UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 125 |
| OVER HET BOEKJAAR VERSCHULDIGDE BELASTINGLASTEN | (53) |
| AFSCHRIJVINGEN EN BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGSVERLIEZEN | 148 |
| WIJZIGINGEN IN DE REËLE WAARDE VAN DERIVATEN | (2) |
| AANPASSING VOOR ANDERE NIET-KASOPBRENGSTEN | (2) |
| VERLIES (WINST) UIT DE REALISATIE VAN VASTE ACTIVA | (17) |
| WIJZIGINGEN IN DE LANGLOPENDE VOORZIENINGEN | (106) |
| VERLIES (WINST) UIT AFSTOTINGEN | 1 |
| BRUTOKASSTROMEN UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 94 |
| WAARVAN UIT DE BEËINDIGDE BEDRIJFSACTIVITEITEN | (35) |
| WIJZIGINGEN IN DE KORTLOPENDE VOORZIENINGEN | (14) |
| DALING (STIJGING) VAN DE VOORRADEN | 26 |
| DALING (STIJGING) VAN DE HANDELSVORDERINGEN | 1 |
| STIJGING (DALING) VAN DE HANDELSSCHULDEN EN UITGESTELDE OPBRENGSTEN | (17) |
| WIJZIGINGEN IN DE OVERIGE KORTLOPENDE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN | 18 |
| NETTOKASSTROMEN UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 108 |
| WAARVAN UIT DE BEËINDIGDE BEDRIJFSACTIVITEITEN | (13) |
| INVESTERINGEN IN IMMATERIËLE ACTIVA | (29) |
| INVESTERINGEN IN MATERIËLE VASTE ACTIVA | (71) |
| ONTVANGSTEN UIT DE VERKOOP VAN IMMATERIËLE ACTIVA | 2 |
| ONTVANGSTEN UIT DE VERKOOP VAN MATERIËLE VASTE ACTIVA | 37 |
| ONTVANGSTEN UIT DE VERKOOP VAN ACTIVA AANGEHOUDEN VOOR VERKOOP | 19 |
| NETTO-INVESTERINGEN IN DEELNEMINGEN EN FINANCIERING TOEGEKEND AAN KLANTEN | 67 |
| BETAALDE BELASTINGEN OP VROEGERE VERKOPEN | - |
| ONTVANGEN RENTE EN DIVIDENDEN | (38) |
| VROEGERE OVERNAME | 2 |
| AFSTOTINGEN | 35 |
| NETTOKASSTROMEN UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN | (8)5 |
| WAARVAN UIT DE BEËINDIGDE BEDRIJFSACTIVITEITEN | 345 |
| NETTO-UITGIFTEN VAN LENINGEN | 106 |
| BETAALDE RENTE | (43)5 |
| OVERIGE FINANCIERINGSSTROMEN | (9)5 |
| BETAALDE DIVIDENDEN | (63) |
| INGEKOCHTE EIGEN AANDELEN | - |
| KAPITAALVERHOGINGEN VOORFINANCIERING DOOR (VAN) AGFAPHOTO MET BETREKKING TOT DE VROEGERE VERKOOP VAN CONSUMER IMAGING |
- (17) |
| NETTOKASSTROMEN UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN | (26)5 |
| WAARVAN UIT DE BEËINDIGDE BEDRIJFSACTIVITEITEN | (13)5 |
| KASSTROMEN TIJDENS DE PERIODE IMPACT VAN VALUTAKOERSVERSCHILLEN |
74 (6) |
| WIJZIGINGEN IN GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | 68 |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN BIJ HET BEGIN VAN HET JAAR | 83 |
(5) DE GERAPPORTEERDE CIJFERS VAN 2007 WERDEN HERWERKT. IN HET BOEKJAAR 2008, WERD DE DEFINITIE VAN DE 'FINANCIERINGSBATEN (-KOSTEN)' IN DE GECONSOLIDEERDE WINST- EN VERLIESREKENINGEN AANGEPAST EN BEVAT ENKEL NOG BETAALDE EN ONTVANGEN INTERESTEN MET BETREKKING TOT ELEMENTEN OPGENOMEN IN DE NETTO FINANCIËLE SCHULDPOSITIE. INTERESTEN OP ANDERE RENTEDRAGENDE ACTIVA EN VERPLICHTINGEN WERDEN GEHERKLASSEERD NAAR DE 'OVERIGE FINANCIËLE OPBRENGSTEN/(KOSTEN)' IN DE GECONSOLIDEERDE WINST- EN VERLIESREKENINGEN EN NAAR 'OVERIGE FINANCIERINGSSTROMEN' IN HET GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT. VERGELIJKENDE INFORMATIE OVER HET BOEKJAAR 2007 WERD AANGEPAST AAN DEZE NIEUWE VOORSTELLINGSWIJZE.
GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN PER EINDE BOEKJAAR 151
162
| MILJOEN EURO | 31 DEC. 2011 |
31 DEC. 2010 |
31 DEC. 2009 |
31 DEC. 2008 |
31 DEC. 2007 |
|---|---|---|---|---|---|
| ACTIVA | |||||
| VASTE ACTIVA | 1.221 | 1.253 | 1.236 | 1.311 | 1.573 |
| IMMATERIËLE ACTIVA | 681 | 680 | 648 | 647 | 816 |
| MATERIËLE VASTE ACTIVA | 301 | 313 | 326 | 369 | 407 |
| INVESTERINGEN IN DEELNEMINGEN | 15 | 14 | 9 | 13 | 20 |
| UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN | 224 | 246 | 2531 | 2821 | 330 |
| LENINGEN EN VORDERINGEN OPGENOMEN IN INVESTERINGEN | - | - | - | - | - |
| AFGELEIDE FINANCIËLE INSTRUMENTEN | - | - | - | - | - |
| VLOTTENDE ACTIVA | 1.728 | 1.833 | 1.616 | 1.849 | 1.986 |
| VOORRADEN | 639 | 583 | 483 | 575 | 578 |
| HANDELSVORDERINGEN | 672 | 619 | 592 | 750 | 861 |
| ACTUELE BELASTINGVORDERINGEN | 82 | 68 | 762 | 612 | 60 |
| OVERIGE VORDERINGEN EN OVERIGE VLOTTENDE ACTIVA | 214 | 295 | 3192 | 2682 | 303 |
| OVERLOPENDE REKENINGEN | 20 | 19 | 18 | 19 | 21 |
| DERIVATEN | 1 | 10 | 8 | 26 | 11 |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | 100 | 239 | 119 | 150 | 152 |
| ACTIVA AANGEHOUDEN VOOR VERKOOP | - | - | 1 | - | - |
| TOTAAL ACTIVA | 2.949 | 3.086 | 2.852 | 3.160 | 3.559 |
| EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | |||||
| EIGEN VERMOGEN | 995 | 1,063 | 724 | 704 | 891 |
| MAATSCHAPPELIJK KAPITAAL VAN AGFA-GEVAERT NV | 187 | 187 | 140 | 140 | 140 |
| UITGIFTEPREMIES VAN AGFA-GEVAERT NV | 210 | 210 | 109 | 109 | 109 |
| INGEHOUDEN WINSTEN | 642 | 703 | 820 | 814 | 981 |
| RESERVES | (90) | (68) | (282) | (273) | (288) |
| VALUTAKOERSVERSCHILLEN | 11 | 1 | (66) | (90) | (54) |
| MINDERHEIDSBELANGEN | 35 | 30 | 3 | 4 | 3 |
| LANGLOPENDE VERPLICHTINGEN | 988 | 1.053 | 1.263 | 1.556 | 1.553 |
| VERPLICHTINGEN WEGENS VERGOEDINGEN NA UITDIENSTTREDING | 542 | 559 | 570 | 601 | 654 |
| LANGLOPENDE VERPLICHTINGEN MET BETREKKING TOT HET PERSONEEL | 13 | 14 | 14 | 18 | 24 |
| LANGLOPENDE RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN | 352 | 379 | 553 | 809 | 740 |
| LANGLOPENDE VOORZIENINGEN | 25 | 24 | 44 | 64 | 69 |
| OVERLOPENDE REKENINGEN | 4 | 6 | 9 | 1 | 1 |
| UITGESTELDE BELASTINGVERPLICHTINGEN | 52 | 71 | 73 | 631 | 65 |
| KORTLOPENDE VERPLICHTINGEN | 966 | 970 | 865 | 900 | 1.115 |
| KORTLOPENDE RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN | 15 | 21 | 11 | 14 | 133 |
| HANDELSSCHULDEN | 275 | 246 | 206 | 226 | 275 |
| UITGESTELDE OPBRENGSTEN EN VOORUITBETALINGEN | 145 | 152 | 123 | 112 | 96 |
| ACTUELE BELASTINGVERPLICHTINGEN | 47 | 50 | 44 | 432 | 62 |
| OVERIGE TE BETALEN POSTEN | 149 | 182 | 156 | 1622 | 175 |
| KORTLOPENDE VERPLICHTINGEN MET BETREKKING TOT HET PERSONEEL | 94 | 114 | 86 | 71 | 89 |
| KORTLOPENDE VOORZIENINGEN | 223 | 200 | 234 | 255 | 275 |
| OVERLOPENDE REKENINGEN | 4 | 4 | 3 | 5 | 7 |
| DERIVATEN | 14 | 1 | 2 | 12 | 3 |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 2.949 | 3.086 | 2.852 | 3.160 | 3.559 |
(1) IN 2009 WERDEN DE 'UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN' EN DE 'UITGESTELDE BELASTINGVERPLICHTINGEN' GEHERKLASSEERD NAAR RESPECTIEVELIJK 'VASTE ACTIVA' EN 'LANGLOPENDE VERPLICHTINGEN'. VERGELIJKENDE INFORMATIE OVER HET BOEKJAAR 2008 WERD AANGEPAST AAN DEZE NIEUWE VOORSTELLINGSWIJZE.
(2) IN 2009 WERDEN DE 'ACTUELE BELASTINGVORDERINGEN' EN DE 'ACTUELE BELASTINGVERPLICHTINGEN' AFZONDERLIJK VOORGESTELD IN DE GECONSOLIDEERDE BALANS. DE 'ACTUELE BELASTINGVORDERINGEN' EN 'ACTUELE BELASTINGVERPLICHTINGEN' WERDEN GEHERKLASSEERD VAN RESPECTIEVELIJK 'OVERIGE VORDERINGEN EN OVERIGE VLOTTENDE ACTIVA' EN VAN 'OVERIGE TE BETALEN POSTEN'. VERGELIJKENDE INFORMATIE OVER 2008 WERD AANGEPAST AAN DEZE NIEUWE VOORSTELLINGSWIJZE.
| NOTERING | AANDELENBEURS VAN BRUSSEL |
|---|---|
| REUTERS TICKER | AGFAt.BR |
| BLOOMBERG TICKER | AGFB: BB/AGE GR |
| DATASTREAM | B:AGF |
Op grond van de informatie waarover de Vennootschap beschikt ingevolge transparantieverklaringen die overeenkomstig de wettelijke en statutaire bepalingen ter zake werden ontvangen, zijn de belangrijkste aandeelhouders op dit ogenblik:
Aangezien de Vennootschap momenteel in het bezit is van 2,39% eigen aandelen, ligt de free float momenteel tussen 77,61% en 86,61%.
| 1 JUNI 1999 |
|---|
| 167.751.190 |
| 206 MILJOEN EURO |
| MILJOEN EURO | 2011 | 2010 | 2009 | 2008 | 2007 |
|---|---|---|---|---|---|
| WINST PER AANDEEL | (0,44) | 0,80 | 0,05 | (1,34) | 0,34 |
| NETTOBEDRIJFSKASSTROOM PER AANDEEL | (0,16) | 1,80 | 2,13 | 0,621 | 0,87 |
| BRUTODIVIDEND | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| BEURSKOERS AAN HET EINDE VAN HET JAAR | 1,23 | 3,2 | 4,53 | 1,86 | 10,49 |
| HOOGSTE BEURSKOERS VAN HET JAAR | 3,57 | 6,60 | 4,55 | 10,65 | 20,20 |
| LAAGSTE BEURSKOERS VAN HET JAAR | 1,03 | 2,99 | 1,25 | 1,77 | 6,63 |
| GEMIDDELDE VOLUME VERHANDELDE AANDELEN/DAG | 599.290 | 865.221 | 725.279 | 1.099.793 | 1.020.110 |
| GEWOGEN GEMIDDELDE AANTAL | |||||
| UITSTAANDE GEWONE AANDELEN | 167.751.190 | 130.571.878 | 124.788.430 | 124.788.430 | 124.788.263 |
(1) ZOALS GERAPPORTEERD IN 2008, HERWERKT.
TEL. +32-(0)3-444 7124 FAX +32-(0)3-444 4485
| JAARLIJKSE ALGEMENE VERGADERING | 24 APRIL 2012 |
|---|---|
| RESULTATEN EERSTE KWARTAAL 2012 | 9 MEI 2012 |
| RESULTATEN TWEEDE KWARTAAL 2012 | 22 AUGUSTUS 2012 |
| RESULTATEN DERDE KWARTAAL 2012 | 14 NOVEMBER 2012 |
TEL +32 3 444 7124 FAX +32 3 444 4485
Agfa, de Agfa-rombus en andere vermelde Agfa-producten en -diensten zijn geregistreerde handelsmerken van de Agfa Groep. Ze kunnen in bepaalde jurisdicties geregistreerd zijn in naam van Agfa, België, of een van zijn filialen.
Alle andere handelsmerken, productnamen en bedrijfsnamen of -logo's die in dit verslag vermeld worden, zijn eigendom van hun respectieve eigenaars.
Lu's Paragraph, Mechelen
Agfa Publishing Library
| NOTITIES _____________ | |
|---|---|
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.