Annual Report • Apr 7, 2011
Annual Report
Open in ViewerOpens in native device viewer
| Miljoen euro | 2010 | 2009 | 2008 | 2007 | 2006 |
|---|---|---|---|---|---|
| Omzet | 2.948 | 2.755 | 3.032 | 3.283 | 3.401 |
| Evolutie t.o.v. vorig jaar | 7,0% | (9,1)% | (7,6)% | (3,5)% | 2,8% |
| Graphics | 1.565 | 1.341 | 1.522 | 1.617 | 1.712 |
| Aandeel in Groepsomzet | 53,1% | 48,7% | 50,2% | 49,3 % | 50,3% |
| HealthCare | 1.180 | 1.178 | 1.223 | 1.392 | 1.452 |
| Aandeel in Groepsomzet | 40,0% | 42,7% | 40,3% | 42,4% | 42,7% |
| Specialty Products | 203 | 236 | 287 | 274 | 237 |
| Aandeel in Groepsomzet | 6,9% | 8,6% | 9,5% | 8,3% | 7,0% |
| Brutowinst1-4 | 998 | 886 | 961 | 1.158 | 1.299 |
| Recurrente EBIT1-4 | 266 | 182 | 135 | 197 | 256 |
| Reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten | (32) | (12) | (158) | (72) | (191) |
| Winst/(verlies) uit bedrijfsactiviteiten | 234 | 170 | (23) 4 | 125 | 65 |
| Nettofinancieringslasten | (94) | (114) | (83) 4 | (63) | (64) |
| Winstbelastingen | (36) | (49) | (60) | (19) | 15 |
| Winst/(verlies) over de verslagperiode | 104 | 7 | (166) | 43 | 16 |
| Winst/(verlies) toewijsbaar aan: | |||||
| Aandeelhouders van de Onderneming | 105 | 6 | (167) | 42 | 15 |
| Minderheidsbelangen | (1) | 1 | 1 | 1 | 1 |
| Kasstroom | |||||
| Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | 235 | 266 | 77 5 | 108 | 107 |
| Investeringsuitgaven2 | (60) | (41) | (63) | (100) | (105) |
| Balans - 31 december | |||||
| Eigen vermogen | 1.063 | 724 | 704 | 891 | 933 |
| Netto financiële schuld | 161 | 445 | 673 | 721 | 704 |
| Nettowerkkapitaal3 | 863 | 751 | 949 | 871 | 554 |
| Totale activa | 3.086 | 2.852 | 3.160 | 3.559 | 3.832 |
| Aandeleninformatie (euro) | |||||
| Winst per aandeel | 0,80 | 0,05 | (1,34) | 0,34 | 0,12 |
| Nettobedrijfskasstroom per aandeel | 1,80 | 2,13 | 0,62 6 | 0,87 | 0,86 |
| Brutodividend | 0 | 0 | 0 | 0 | 0,50 |
| Boekwaarde per aandeel op jaareinde | 6,34 | 5,80 | 5,64 | 7,14 | 7,48 |
| Aantal uitstaande aandelen op jaareinde | 167.751.190 | 124.788.430 | 124.788.430 | 124.788.430 | 124.785.530 |
| Gewogen gemiddelde aantal uitstaande gewone aandelen |
130.571.878 | 124.788.430 | 124.788.430 | 124.788.263 | 124.781.170 |
| Personeelsleden (op het einde van het jaar) |
(1) Voor reorganisatiekosten, niet-recurrente resultaten en winst/verlies uit desinvesteringen en exclusief de eenmalige inkomsten van 25 miljoen euro verbonden aan de veranderingen in het medische plan voor gepensioneerden in het Amerikaanse filiaal van de Groep, geboekt in het vierde kwartaal van 2005.
In voltijds equivalenten 11.766 11.169 12.152 13.124 14.015
(2) Voor immateriële activa en materiële vaste activa.
(3) Vlottende activa verminderd met schulden op ten hoogste één jaar.
(4) Zoals gerapporteerd 2008, herwerkt. Tijdens het eerste kwartaal van 2009 heeft de Groep de weergave van de kosten m.b.t. de 'vaste doel'-regelingen van de Groep gewijzigd. De rentekosten en het verwachte rendement op fondsbeleggingen, evenals het relatieve aandeel van de afschrijving van niet-opgenomen actuariële verliezen (winsten) die niet konden worden toegewezen aan actieve werknemers, werden geherklasseerd naar 'Overige financiële opbrengsten (kosten)'. Vergelijkende informatie over 2008 werd aangepast aan deze nieuwe voorstellingswijze. De lijnen 'Winst/(verlies) uit bedrijfsactiviteiten' en 'Wijzigingen in de langlopende voorzieningen' in het geconsolideerd kasstroomoverzicht werden beïnvloed door deze herwerking.
(5) De gerapporteerde cijfers van 2008 werden herwerkt. In 2009 wordt de 'Voorfinanciering door (van) AgfaPhoto m.b.t. de vroegere verkoop van CI' niet langer weergegeven op een afzonderlijke lijn gezien het immateriële belang. Vergelijkende informatie over 2008 werd aangepast aan deze nieuwe voorstellingswijze. In 2008 werd 4 miljoen euro geherklasseerd naar de lijn 'Wijzigingen in de overige kortlopende activa en verplichtingen'.
(6) Zoals gerapporteerd in 2008, herwerkt.
Informatie inzake de invoering van de EU-overnamerichtlijn
Duurzaam ondernemen
Cursieve woorden worden verklaard in de woordenlijst (p.136)
Het jaar 2010 werd gekenmerkt door een bescheiden heropleving van de economie. Tegelijkertijd werd de wereld geconfronteerd met een stijging van de grondstofprijzen, die zich zelfs nog steviger doorzette tegen het einde van het jaar.
Ondanks de vele economische onzekerheden, slaagde Agfa-Gevaert erin – zowel op het vlak van de omzet als op het vlak van de EBIT – resultaten af te leveren die overeenstemmen met de guidance die we in augustus 2010 gaven. De Agfa-Gevaert Groep boekte tegenover 2009 een stijging van de jaaromzet van ongeveer 200 miljoen euro.
Deze aanzienlijke omzetgroei van 7,0 procent is vooral toe te schrijven aan de businessgroep Agfa Graphics. Ongeveer de helft van deze toename is het gevolg van de overname van Pitman en van de Agfa Graphics Asia joint venture die we samen met Shenzhen Brothers oprichtten. Dankzij deze strategische stappen konden we onze concurrentiepositie verbeteren in een aantal belangrijke regio's.
De jaaromzet van Agfa HealthCare was nagenoeg stabiel. De businessgroep verwacht dat de groei van de IT-divisie in de loop van de tweede helft van 2011 de omzetdaling van de traditionele activiteiten zal beginnen te compenseren.
De daling van de omzet van de kleinere businessgroep Agfa Specialty Products was vooral het gevolg van de shift van een deel van de filmbusiness naar Agfa Graphics en van de marktgebonden achteruitgang voor bepaalde Classic Film-producten.
Wat de EBIT betreft, haalden zowel Agfa Graphics als Agfa HealthCare hun doelstellingen voor 2010. De recurrente EBIT van de Groep verbeterde sterk van 182 miljoen euro in 2009 tot 266 miljoen euro in 2010.
In de tweede jaarhelft kondigde Agfa-Gevaert de voorwaarden van een kapitaalsverhoging aan. We zetten deze stap met het oog op verwachte groei-opportuniteiten, de verdere diversificatie van onze financieringsbronnen en de versterking van onze balans. De totale kapitaalverhoging werd volledig onderschreven voor een bedrag van 148.221.522 euro door bestaande en nieuwe aandeelhouders.
De Raad van Bestuur beschouwt deze succesvolle transactie als een teken van vertrouwen vanwege onze investeerders en dankt hen voor hun geloof in onze onderneming.
Dankzij de kapitaalverhoging en onze voortdurende inspanningen om het werkkapitaal verder te verminderen, verbeterde onze nettoschuld aanzienlijk tot 161 miljoen euro, tegenover 445 miljoen euro eind 2009.
Nog een teken van vertrouwen kregen we van de Canadese, de Franse, de Europese en de Vlaamse autoriteiten, die verschillende vormen van financiële steun verstrekten voor onze O&O-inspanningen. Met deze steun zullen we onderzoeks-, ontwikkelings- en innovatieprojecten financieren met betrekking tot onze IT- en beeldvormingstechnologie voor gezondheidszorg. Deze strategische projecten hebben tot doel de efficiëntie van de gezondheidszorg te verhogen en de kwaliteit van de diensten aan de patiënten te verbeteren.
Van zijn kant zal de businessgroep Agfa Graphics verder investeren in de ontwikkeling van vernieuwende systemen en UV-inkten voor de groeiende markt van de industriële inkjet en van chemievrije drukplaten voor het segment van de offsetdruk.
In Agfa Specialty Products is de O&O vooral gericht op de ontwikkeling van veelbelovende nieuwe producten, gebaseerd op onze kerncompetenties op het vlak van de productie en het coaten van polyesterfilm.
We danken onze aandeelhouders oprecht voor hun vertrouwen en steun en we verzekeren hen dat we ons blijven inzetten om waarde te creëren voor Agfa.
We zijn ook onze klanten en onze verdelers dankbaar voor het geloof in onze onderneming en we zullen hen blijven dienen met geavanceerde, kwaliteitsvolle en betrouwbare producten en diensten.
Tenslotte willen we ook onze werknemers danken voor hun bijdrage aan de uitvoering van onze groeistrategie en aan het realiseren van onze resultaten in 2010. We danken hen ook voor de speciale inspanningen die ze de voorbije jaren deden.
De groeistrategie van onze onderneming – die werd uitgetekend en goedgekeurd door de Raad van Bestuur – blijft onze voornaamste prioriteit. Om deze strategie waar te maken, zullen we alle bestaande financiële bronnen nodig hebben. Daarom zal de Raad van Bestuur de Algemene Aandeelhoudersvergadering voorstellen om geen dividend uit te keren.
Christian Reinaudo Julien De Wilde President en Chief Executive Officer Voorzitter van de Raad van Bestuur
De Agfa-Gevaert Groep ontwikkelt, produceert en verdeelt een uitgebreid portfolio van analoge en digitale beeldvormingsystemen en IT-oplossingen, voornamelijk voor de grafische industrie, de gezondheidszorg en ook voor specifieke industriële toepassingen.
De hoofdzetel en de moedermaatschappij van Agfa bevinden zich in Mortsel, België. De operationele activiteiten van de Groep zijn onderverdeeld in drie onafhankelijke businessgroepen, Agfa Graphics, Agfa HealthCare en Agfa Specialty Products. Elk van deze groepen heeft sterke marktposities, duidelijk omlijnde strategieën en volledige verantwoordelijkheden, bevoegdheden en aansprakelijkheden. Agfa-Gevaert heeft wereldwijd productiefaciliteiten. De grootste productie- en onderzoekscentra zijn gevestigd in België, de Verenigde Staten, Canada, Duitsland, Frankrijk, Italië en China. Agfa is wereldwijd commercieel actief via eigen verkooporganisaties in meer dan 40 landen. In landen waar Agfa geen eigen verkooporganisatie heeft, wordt de markt door een netwerk van agenten en tussenpersonen bediend.
Agfa Graphics biedt de grafische industrie geïntegreerde oplossingen voor de drukvoorbereiding. Die oplossingen omvatten verbruiksgoederen, hardware, software en diensten voor productieworkflow-, project- en kleurenbeheer. Met zijn computer-to-film- en computer-toplate-technologie en zijn systemen voor digitale drukproeven heeft Agfa Graphics een wereldwijde leiderspositie veroverd in commercieel en verpakkingsdrukwerk en is het marktleider op de krantenmarkt. Agfa Graphics bouwt zijn positie in de nieuwe marktsegmenten voor industriële inkjet uit met complete oplossingen voor verschillende toepassingen, zoals het drukken van documenten, affiches, spandoeken, bewegwijzering, uithangborden, etiketten en verpakkingsmaterialen. De ervaring die het bedrijf op het gebied van zowel beeld- als emulsietechnologie heeft verworven, levert de nodige deskundigheid bij het ontwikkelen van een volledig assortiment hoogwaardige inkten.
Agfa HealthCare is een toonaangevende leverancier van systemen voor medische beeldvorming en IT-systemen voor ziekenhuizen en zorgcentra over de hele wereld. De businessgroep is een belangrijke speler op de markt van de medische beeldvorming. Met analoge, digitale en IT-systemen voldoet Agfa HealthCare wereldwijd aan de eisen van gespecialiseerde clinici. Voorts heeft de businessgroep een sleutelrol op de markt van de ziekenhuisbrede IT-systemen.
Deze systemen integreren de administratieve, financiële en klinische workflows voor het hele ziekenhuis en zelfs voor groepen van meerdere ziekenhuizen. Vandaag biedt Agfa HealthCare meer dan 100 markten
toegang tot zijn toonaangevende technologieën en oplossingen, waaronder Clinical Information Systems (CIS) en Hospital Information Systems (HIS), radiologie-informatiesystemen (RIS), Picture Archiving and Communication Systems (PACS), Data Centers, geavanceerde systemen voor het rapporteren van onderzoeksresultaten, cardiologiesystemen, systemen die het medische beslissingsproces ondersteunen, systemen voor gegevensopslag, systemen voor Direct Radiography (DR) en Computed Radiography (CR), klassieke röntgenfilmsystemen en contrastmedia.
Agfa Specialty Products heeft een brede waaier van voornamelijk op film gebaseerde producten en hoogtechnologische oplossingen voor industriële klanten die niet tot de grafische en gezondheidszorgmarkten behoren. De voornaamste zijn cinefilm, microfilm, film voor niet-destructief materiaalonderzoek en film voor de productie van gedrukte schakelingen (PCB's) voor de elektronica-industrie. De businessgroep is eveneens actief in de groeimarkten met producten die gebaseerd zijn op zijn kerncompetenties: materialen voor identiteitsdocumenten, geleidende polymeren en aanverwante producten, synthetisch papier en membranen voor gebruik bij gasscheiding.
Overname van Harold M. Pitman Company, een leidinggevende leverancier in de Verenigde Staten van producten en systemen voor de drukvoorbereiding, industriële inkjet, pressroom en verpakkingsdrukwerk.
stand van zaken
In 2010 groeide de omzet van de Agfa-Gevaert Groep met 7,0% tot 2.948 miljoen euro (2.755 miljoen euro in 2009). Ongeveer de helft van de stijging is toe te schrijven aan Agfa Graphics' joint venture in China en de overname van de Harold M. Pitman Company. De situatie op de wisselmarkten had een positief effect van 3,8% op de omzet van de Groep.
De omzet van de businessgroep Agfa Graphics steeg met 16,7% (12,2% zonder wisselkoerseffecten) tot 1.565 miljoen euro. In de eerste jaarhelft steeg de omzet van drukvoorbereiding aanzienlijk ondanks de sterke concurrentiedruk. De groei was toe te schrijven aan een opleving van de digitale computer-to-plate-business en aan het succes van de businessgroep in de markt van de analoge computer-tofilm. In de tweede jaarhelft werd de omzetgroei van de drukvoorbereidingsactiviteiten gedreven door de
overname van de Harold M. Pitman Company en door de opstart van de Agfa Graphics Asia joint venture.
In het segment van de industriële inkjet droegen de stijgende volumes voor apparatuur en inkt bij tot de sterke omzetgroei.
Het grootste deel van Agfa Graphics' omzetgroei komt van de VS en de opkomende landen, terwijl het herstel in de meeste Europese landen trager verliep dan in de rest van de wereld.
Agfa HealthCare's omzet bleef nagenoeg stabiel op 1.180 miljoen euro. Zonder wisselkoerseffecten zou een daling van 3,3% genoteerd zijn. Zoals verwacht kon de groei van de IT-divisie de omzetdaling van de traditionele producten nog niet compenseren. De businessgroep verwacht het omslagpunt in de loop van de tweede helft van 2011. Binnen het IT-segment presteerde Imaging IT naar verwachting, met sterke groeicijfers in de opkomende markten en groeiende marktaandelen in Noord-Amerika en Europa.
De ondernemingsbrede IT deed het goed in het Duitssprekende deel van Europa, waar Agfa HealthCare's ORBIS-systeem al een stevige positie verworven heeft. In Frankrijk,
België en Luxemburg zit deze activiteit nog in de investeringsfase.
In het Imaging-segment bleef de markt voor traditionele filmproducten krimpen, terwijl Computed Radiography en Direct Radiography goed presteerden.
De omzet van Agfa Specialty Products daalde met 33 miljoen euro, vooral door de verschuiving van een deel van de filmbusiness naar Agfa Graphics en door de marktgedreven daling voor enkele van de Classic Film-producten. De film voor de productie van gedrukte schakelingen presteerde goed.
Met 53,1% van de omzet blijft Agfa Graphics de grootste businessgroep. Agfa HealthCare vertegenwoordigt 40,0% van de Groepsomzet en Agfa Specialty Products 6,9%.
In 2010 werd 45% van de Groepsomzet in Europa geboekt (2009: 51%), 22% in NAFTA (2009: 19%), 24% in Azië/Oceanië/Afrika (2009: 22%) en 9% in Latijns-Amerika (2009: 8%).
(1) Voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten
De recurrente brutowinst groeide van 886 miljoen euro in 2009 tot 998 miljoen euro. De efficiëntieprogramma's van de Groep resulteerden in een verbetering van de recurrente brutowinstmarge van 32,2% in 2009 tot 33,9%. De verbetering werd gedeeltelijk tenietgedaan door de ongunstige grondstofeffecten in het laatste kwartaal.
Agfa Graphics' brutowinstmarge verbeterde door de hogere volumes, de efficiëntieprogramma's en gunstige grondstofeffecten van 28,0% in 2009 tot 30,9% in 2010.
De brutowinstmarge van Agfa HealthCare bedroeg 39,7% (39,6% in 2009). De verbeterde serviceefficiëntie in IT compenseerde de ongunstige grondstofvoorwaarden, waarvan de eerste ongunstige effecten voelbaar waren in de loop van de tweede jaarhelft.
De inspanningen van Agfa Specialty Products om de operationele kosten te drukken werden tenietgedaan door de omzetdaling, de O&O-inspanningen voor de New Business-producten en de impact van een afschrijving voor een specifieke oninbare vordering in de tweede jaarhelft.
Als percentage van de omzet, daalden de verkoop- en algemene beheerskosten licht tot 19,9%, tegenover 20,1% in het voorgaande jaar.
De uitgaven voor onderzoek en ontwikkeling bedroegen 153 miljoen euro, tegenover 149 miljoen euro in 2009.
De recurrente EBITDA van de Groep (de som van Graphics, HealthCare, Specialty Products en het niettoegewezen deel) steeg van 284 miljoen euro tot 361 miljoen euro. De recurrente EBIT verbeterde sterk van 182 miljoen euro (6,6 procent van de omzet) tot 266 miljoen euro (9,0 procent van de omzet).
De reorganisatiekosten en nietrecurrente resultaten leidden tot een kost van 32 miljoen euro, tegenover een kost van 12 miljoen euro in 2009. De cijfers van 2009 werden positief beïnvloed door veranderingen in de medische plannen voor gepensioneerde werknemers in de VS en door veranderingen in de 'vaste doel'-regelingen in de VS en Duitsland.
De nettofinancieringslasten daalden van 114 miljoen euro in 2009 tot 94 miljoen euro, vooral door de aanzienlijke daling van de netto financiële schuld, de lagere interestvoeten en andere niet-operationele resultaten.
De belastingen bedroegen 36 miljoen euro, tegenover 49 miljoen euro in 2009. De kortlopende belastingverplichtingen bedroegen 27 miljoen euro en de uitgestelde belastinglasten 9 miljoen euro.
MILJOEN EURO
De winst uit bedrijfsactiviteiten kwam uit op 234 miljoen euro, tegenover 170 miljoen euro in het voorgaande jaar. De winst voor belastingen bedroeg 140 miljoen euro, tegenover 56 miljoen euro in 2009.
De Groep boekte in 2010 een positief nettoresultaat van 105 miljoen euro – of 0,80 euro per aandeel – tegenover 6 miljoen euro – of 0,05 cent per aandeel – in 2009.
Eind 2010 bedroegen de totale activa 3.086 miljoen euro, tegenover 2.852 miljoen euro eind 2009.
De voorraden bedroegen 583 miljoen euro (of 108 dagen). De handelsvorderingen (min de uitgestelde omzet en vooruitbetalingen) bedroegen 467 miljoen euro (52 dagen) en de handelsschulden 246 miljoen euro (45 dagen).
Deels dankzij de kapitaalsverhoging verbeterde de netto financiële schuld tot 161 miljoen euro, tegenover 445 miljoen euro eind 2009. Eind 2010 bedroeg de gearing ratio van de Groep 15,1%.
Het eigen vermogen bedroeg 1.063 miljoen euro, tegenover 724 miljoen euro eind 2009.
In 2010 bereikte de nettobedrijfskasstroom, die ook rekening houdt met de veranderingen in het werkkapitaal, 235 miljoen euro. De investeringsuitgaven kwamen uit op 60 miljoen euro.
In 2010 bedroegen de O&Oinspanningen van de Agfa-Gevaert Groep 153 miljoen euro. 26% hiervan werd besteed door Agfa Graphics, 66% door Agfa HealthCare en 8% door Agfa Specialty Products.
In 2010 investeerde Agfa Graphics verder in de ontwikkeling van UV-inkten en apparatuur voor de groeiende industriële inkjet-markt. Hierbij werden de innovatieprojecten in België en Canada (het vroegere Gandi Innovations) op elkaar afgestemd. De :Jeti 1224 HDC werd geïntroduceerd als de eerste :Jeti-printer die werkt met Agfa's :Anuvia-inkten. Deze inkten worden ook gebruikt in de :M-Press Tiger. De :Anapurna 2500 LED is het eerste industriële grootformaatsysteem dat UV-uitharding met LED-technologie mogelijk maakt. Hierdoor kan bespaard worden op energie en is er minder warmteverlies. Voor de :Dotrix-pers werden 'low migration'-inkten in 6 kleuren ontwikkeld ter uitbreiding van het kleurenscala voor toepassingen op primaire en secundaire voedselverpakkingen.
(1) Minus uitgestelde omzet en vooruitbetalingen.
In het segment van de drukvoorbereiding, zette Agfa Graphics zijn O&O-inspanningen voort voor de versterking van zijn leiderspositie op het vlak van de chemievrije drukplaatsystemen. Zo werd met de :N92VCF een stabiele chemievrije polymeerdrukplaat voor kranten geïntroduceerd die gevoelig is aan violet licht. De drukplaat koppelt de ecologische voordelen van chemievrije systemen aan lage investeringsen bedrijfskosten, grote betrouwbaarheid en hoge snelheid.
Agfa Graphics' software :Apogee Suite (voor commerciële drukkers) werd vernieuwd met nieuwe tools voor 'preflighting' en een revolutionaire volautomatische impositiemodule. :Apogee kan nu ook gekoppeld worden aan digitale drukpersen, naast de conventionele druksystemen. Verdere nieuwigheden integreren jobcreatie, aanlevering van content en web-to-print. Agfa Graphics' :Arkitex-softwarepakket (voor krantendrukkers) werd uitgebreid met de integratie tussen de krantendrukkers en hun uitgevers via de :Arkitex Portal-interface.
Agfa HealthCare concentreerde zijn O&O-inspanningen in 2010 op het uitbreiden en versterken van zijn portfolio. Veel aandacht ging uit naar de introductie van een nieuwe generatie systemen voor Computed Radiography (CR), de introductie van een gamma systemen voor Direct Radiography (DR), de introductie van de nieuwste versie van IMPAX en de verwante informatiesystemen, de uitbreiding van de Data Center-oplossingen om tegemoet te komen aan de groeiende vraag naar regionaal beeldbeheer en een verdere upgrade van het toonaangevende ORBIS HIS/CISsysteem.
De businessgroep introduceerde veel van deze oplossingen met succes in 2010. Voorbeelden zijn de DR-systemen DX-D 300 en DX-D 100 en de draagbare DR-detectoren DX-10 en DX-20; de DX-M, een CR-systeem voor mammografie en algemene radiologie; en de IMPAX 6.5-oplossing. In 2010 richtte Agfa HealthCare zijn onderzoek eveneens op nieuwe verbruiksgoederen die uiteindelijk de omzetdaling moeten
compenseren die veroorzaakt wordt door het krimpen van de markt voor traditionele röntgenfilm. Met de overname van Insight Agents en de ontwikkeling van nieuwe generische producten, betrad Agfa HealthCare de markt van de contrastmedia.
Agfa Specialty Products richtte zijn O&O op de ontwikkeling van producten voor groeimarkten, uitgaande van Agfa's kennis op het vlak van polymere materialen, inkten, filmen coatingtechnologie. In 2008 werd Synaps® geïntroduceerd, een op polyester gebaseerd synthetisch papier. Veel aandacht ging uit naar het creëren van een grote variëteit aan toepassingen voor de drukindustrie. In 2010 werd het Synaps-gamma uitgebreid met de introductie van de zelfklevende folies Synaps AP en Synaps AR. Voorts werden membranen voor het scheiden van gassen ontwikkeld. Deze bevinden zich in de eerste commercialiseringsfase. Voor het hoogste segment van de smartcard-markt ontwikkelde en lanceerde Agfa Specialty Products het nieuwe PETix®-gamma. Dit gamma polyester films is compatibel
met alle belangrijke technieken voor de personalisatie en beveiliging van smartcards. De geleidende drukpasta's, inkten en coatings voor de elektronica-industrie, gebaseerd op de Orgacon®-technologie werden verder verbeterd. In het segment van de industriële inkjetinkten lag de O&O-focus op de ontwikkeling van UV-inkten voor de verpakkingsindustrie en waterige inkten voor decoratieve toepassingen. In 2010 participeerde Agfa Specialty Products eveneens in een aantal langetermijnonderzoeksprojecten met een pre-competitief karakter.
Eind 2010 telde de Agfa-Gevaert Groep 11.766 werknemers (uitgedrukt in actieve voltijdse banen), tegenover 11.169 eind 2009.
In 2010 zag de Groep slechts beperkte effecten van de hoge grondstofprijzen. Verwacht wordt dat de aan de grondstoffen verbonden impact op de marges aanzienlijker zal zijn vanaf het eerste kwartaal van dit jaar. Van de effecten van de prijsstijgingen voor Agfa's filmproducten wordt verwacht dat ze in de loop van de tweede helft van het jaar zichtbaarder zullen worden. Ondanks de ongunstige situatie op de grondstofmarkten, behoudt de Groep – voor de middellange termijn – de gemiddelde EBITguidance.
Het hoofdkantoor van Agfa Graphics is gevestigd in Mortsel (België). De businessgroep heeft verkooporganisaties in meer dan 40 landen en vertegenwoordigers in meer dan 100 andere landen. De productievestigingen bevinden zich in België, Duitsland, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten, Brazilië, China, Zuid-Korea en Canada.
| Miljoen euro | 2010 | 2009 | % evolutie |
|---|---|---|---|
| Omzet | 1.565 | 1.341 | +16,7% |
| Recurrente EBITDA* | 177,1 | 108,3 | +63,5% |
| % van de omzet | 11,3% | 8,1% | |
| Recurrente EBIT* | 134,5 | 62,6 | +114,9% |
| Winst uit bedrijfsactiviteiten | 120,2 | 55,6 | +53,7% |
* voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten
De omzet van Agfa Graphics steeg met 16,7% (12,2 % zonder wisselkoerseffecten) tot 1.565 miljoen euro. In de eerste helft steeg de omzet van prepress aanzienlijk ondanks de sterke concurrentiedruk.
De groei was toe te schrijven aan een opleving van de digitale computer-toplate-drukvoorbereiding (CtP) en aan het succes van de businessgroep in de markt van de analoge computer-to-film (CtF). In de tweede jaarhelft werd de omzetgroei van de prepress-activiteiten gedreven door de overname van de Harold M. Pitman Company en door de opstart van de Agfa Graphics Asia joint venture. In het segment van de industriële inkjet droegen de stijgende volumes voor apparatuur en inkt bij tot de sterke omzetgroei. Het grootste deel van Agfa Graphics' omzetgroei komt van de VS en de opkomende landen, terwijl het herstel in de meeste Europese landen trager verliep dan in de rest van de wereld.
Agfa Graphics is een toonaangevende leverancier van geïntegreerde drukvoorbereidingssystemen en geavanceerde industriële inkjetsystemen.
Overal ter wereld vertrouwen professionele drukkers en uitgevers op de ervaring en uitmuntende technologie van de businessgroep.
!
In 2010 verwierf Agfa Graphics de activa van de Harold M. Pitman Company, een toonaangevende Amerikaanse leverancier van producten en systemen voor drukvoorbereiding, industriële inkjet, pressroom en verpakkingsdrukwerk. De combinatie van Pitman's sterke distributienetwerk en brede portfolio van producten en systemen enerzijds en Agfa's toonaangevende technologie anderzijds, zal veelbelovende groeimogelijkheden bieden in de strategisch belangrijke NAFTA-regio.
De term drukvoorbereiding duidt op de ketting van processen voorafgaand aan het eigenlijke drukproces. De drukvoorbereidingsactiviteiten beginnen nadat de beslissingen over de layout van het drukwerk genomen zijn en eindigen waar het eigenlijke drukken start. Tijdens deze voorbereidende fases worden teksten en beelden bijeengebracht in een layout, wordt de kwaliteit van kleuren gecontroleerd, worden bladzijden op de juiste plaats gezet en worden digitale drukproeven gemaakt. Na goedkeuring worden deze pagina's klaargemaakt voor het drukproces. Bij offsetdruk worden ze belicht op een drukplaat. Dit gebeurt rechtstreeks met computer-to-platetechnologie (CtP), of via het tussenmedium film, met computer-to-filmtechnologie (CtF). Hierna wordt de belichte drukplaat op de drukpers gemonteerd. In een industrie waarin efficiëntie centraal staat, ruimen de analoge CtF-systemen baan voor digitale CtP-technologie. Door de tussenstappen in het proces te elimineren, geeft CtP de drukker de mogelijkheid om meer drukopdrachten uit te voeren en om de controle op
het productieproces te verhogen zonder daarvoor meer mensen in dienst te moeten nemen.
Drukkers vertrouwen op Agfa Graphics' apparatuur, verbruiksgoederen (zoals grafische film en drukplaten), software en diensten voor bijna elke stap in het voorbereidende proces. De softwarepakketten van de businessgroep bevatten workflowsoftware, technologie voor het maken van digitale drukproeven en voor het rasteren van bestanden, alsook tools die zorgen voor consistentie in kleur en kwaliteit. Deze softwaresystemen bieden drukkers een snellere verwerking, betere kwaliteit en verbeterde kostenefficiëntie.
Met zijn geïntegreerde drukvoorbereidingssystemen bedient Agfa Graphics vooral klanten in het segment 'informatiedrukwerk' van de grafische industrie. Dit is de wereld van de krantendrukkers en de commerciële drukkers, die onder meer magazines en brochures produceren. In dit segment is offsetdruk de meest gebruikte technologie.
De :Avalon N8-plaatbelichter biedt een kwaliteitsvolle en efficiënte drukplaatproductie. De negen verschillende modellen kunnen van acht tot vijftig drukplaten van het B1-formaat per uur produceren. Zijn consistente kwaliteitsvolle beeldvorming zorgt ervoor dat er minder jobs moeten worden overgedaan. Dit bespaart heel wat tijd en geld en resulteert in een grotere klantentevredenheid.
!
Voorts levert Agfa Graphics ook drukvoorbereidingstechnologie aan klanten in het segment van de 'industriële druk'. In vergelijking met het segment van de informatiedruk is het industriële druksegment meer gespecialiseerd. Het gebruikt ook meer verschillende technologieën om een grote verscheidenheid aan drukwerk te creëren, waaronder verpakking, labels, signalisatieborden en displays.
In dit segment levert Agfa Graphics vooral drukvoorbereidingstechnologie aan specialisten in offsetverpakkingsdruk en in flexodruk.
In drukvoorbereiding is Agfa Graphics de duidelijke marktleider voor CtF-film. Bovendien levert het wereldwijd ongeveer eenderde van de drukplaten in deze industrie.
De meeste mensen associëren 'inkjet' onmiddellijk met de printers die ze dagelijks thuis en op kantoor gebruiken. Dat is echter niet de doelmarkt van Agfa Graphics. Met zijn industriële inkjettechnologie richt Agfa Graphics zich op het industriële druksegment van de grafische markt. Aangedreven door
de meest geavanceerde inkjettechnologie, zijn Agfa Graphics' kostenefficiënte digitale druksystemen geavanceerde alternatieven voor traditionele druksystemen. Ze zijn uiterst geschikt voor het drukken met hoge kwaliteit op zeer veel verschillende media en voor een grote verscheidenheid aan toepassingen, zoals verpakking, posters en displays, promotiemateriaal, labels en decoratiematerialen. Agfa Graphics levert een uitgebreid gamma drukpersen en hoogstaande UV-inkten.
Hoewel er verscheidene digitale druktechnologieën bestaan, concentreert Agfa Graphics zich op industriële inkjet. De businessgroep is er immers van overtuigd dat dit de enige technologie is die een waardige vervanger zal blijken te zijn voor alle bestaande traditionele druktechnologieën. Momenteel concurreren industriële inkjetsystemen vooral met zeefdruk- en flexodrukpersen.
Industriële inkjet heeft een enorm groeipotentieel. Momenteel is nog maar 5% van de markt die Agfa Graphics met zijn industriële inkjetsystemen beoogt, gedigitaliseerd.
Verwacht wordt dat dit aandeel sterk zal stijgen naarmate de technologie verder evolueert.
Agfa Graphics gelooft sterk dat de behoefte aan drukwerk zal blijven bestaan. Ondanks de groeiende concurrentie van digitale en elektronische media zal drukwerk meerwaarde blijven bieden en een krachtig en essentieel communicatie middel blijven. Daarom blijft Agfa Graphics de positie van drukwerk in de algemene communicatiemix promoten. Agfa Graphics speelt in op de trends in de snel veranderende grafische markt met goed omlijnde strategieën.
Kostenefficiëntie is een van Agfa Graphics' hoofdbekommernissen. Drukkers zijn constant op zoek naar betaalbare en efficiënte drukvoorbereidingssystemen die hen helpen om hun concurrentiepositie te verbeteren.
Daarom dingt Agfa Graphics naar de positie van technologisch en
! :Apogee Portal versterkt de communicatie en de samenwerking tussen de drukker en zijn klanten. Het stelt alle partijen in het grafische communicatieproces in staat om in een permanent toegankelijke webomgeving samen te werken aan hun projecten. Dit resulteert in een hogere productiviteit, een verminderd aantal voorbereidende stappen voorafgaand aan het eigenlijk drukken en minder kosten als gevolg van fouten of jobs die moeten worden overgedaan.
kostenleider. Enerzijds investeert de businessgroep ononderbroken in de ontwikkeling van efficiëntere en performantere CtP-systemen. Anderzijds wordt hard gewerkt aan de structurele hervorming van de eigen activiteiten, de supply chain en de distributiekanalen. Met deze twee pijlers van zijn strategie, biedt Agfa Graphics zijn klanten de middelen om rendabel te groeien met geavanceerde technologie en een hoogstaande dienstverlening.
In de meeste groeilanden begint de omschakeling van CtF naar CtP nu in een stroomversnelling te geraken. Deze groeimarkten kunnen voortbouwen op de ervaringen in Noord-Amerika en West-Europa, waar bijna alle drukkerijen de omschakeling reeds gemaakt hebben. Daarom wordt algemeen verwacht dat de conversie naar CtP in de opkomende markten veel sneller zal gaan dan dat in de Westerse wereld het geval was. Door deze evolutie krimpt de wereldwijde markt voor CtF-verbruiksgoederen aan hoog tempo. Enkele belangrijke spelers zijn reeds gestopt met de levering van CtF-film. Dankzij het succes van zijn efficiëntieprogramma's is Agfa
Graphics uitstekend geplaatst om de CtF-markt te consolideren.
Een andere pijler van Agfa Graphics' strategie is de bescherming van zijn marktposities.
De businessgroep verdedigt zijn sterke positie in Europa en Noord-Amerika. In beide regio's beginnen de nieuwe media te knagen aan het gebruik van gedrukte informatie. Om zijn positie in de Amerikaanse markt te verbeteren, om zijn aanbod in drukvoorbereiding, CtP en inkjet uit te breiden en om zijn distributie te verstevigen, kocht Agfa Graphics de activa van de Harold M. Pitman Company.
Bovendien zoekt de businessgroep verdere groei in de opkomende landen in het algemeen en in de BRIC-landen (Brazilië, Rusland, India, China) in het bijzonder. In deze markten groeit offsetdruk nog steeds sterk, doordat de drukindustrie de evolutie van de alfabetiseringsgraad en van het bruto nationaal product volgt. Voorts besteden bedrijven niet-dringende drukopdrachten uit aan landen waar de kosten lager liggen.
Met doelgerichte acties en strategische partnerships speelt Agfa Graphics in op deze belangrijke groeikansen. In 2010 richtte Agfa Graphics bijvoorbeeld een joint venture op met zijn Chinese zakenpartner Shenzhen Brothers. De bedoeling van deze Agfa Graphics Asia joint venture is de versterking van de marktpositie van beide partners in de regio's Groter China en ASEAN.
Zoals ook het geval is voor andere industrieën, wordt van de grafische sector steeds meer geëist dat er op een ecologisch verantwoorde manier gewerkt wordt. Agfa Graphics streeft ernaar een voortrekkersrol te spelen in de ontwikkeling van beeldvormingstechnologieën die de ecologische voetafdruk van de drukindustrie verkleinen. De systemen van de businessgroep geven drukkers de mogelijkheid om tijdens de drukvoorbereiding en het drukken het gebruik van giftige chemicaliën te vermijden, het afvalvolume te reduceren, het inkt- en waterverbruik te verminderen en energie te besparen.
Producenten in de sector van de industriële druk zijn vaak bereid om hun traditionele technologieën (waaronder zeefdrukmachines, flexodrukpersen en offsetdrukpersen) te vervangen door geavanceerde digitale systemen die helpen om hun efficiëntie te verhogen en de dienstverlening aan hun klanten uit te breiden. Van alle nieuwe digitale technologieën, is industriële inkjet duidelijk het best geplaatst om de technologie bij uitstek te worden voor het grootste deel van de industrie.
Agfa Graphics blijft investeren om een belangrijke speler te worden in industriële inkjet met zijn erg brede gamma van systemen, gaande van instapmodellen als de :Anapurnagrootformaatprinters – vooral
gebruikt voor de productie van posters, banners en displays – tot systemen voor het hoogste marktsegment zoals de :Dotrix- en :M-Press Tigerinkjetmachines. :Dotrix Modular is ontworpen voor toepassingen als verpakking, plastic zakken en promotiemateriaal voor gebruik in winkels. De vlakbedpers :M-Press Tiger kan traditionele technologie vervangen voor alle mogelijke zeefdrukwerk.
In januari 2010 breidde Agfa Graphics zijn aanbod verder uit met de overname van het merendeel van de activa van de Noord-Amerikaanse activiteiten en van de aandelen van de voornaamste buitenlandse dochterondernemingen van Gandi Innovations Holdings LLC. Gandi Innovations was een toonaangevende leverancier van grootformaatprinters. Vooral bedoeld voor het middenklassesegDe chemievrije :Azura-drukplaten en de chemie-arme :Amigodrukplaten zetten hun succesvolle marktpenetratie voort. Meer en meer drukkers raken overtuigd van hun ecologische voordelen en hun mogelijkheden op het vlak van kostenbesparing.
ment, is hun :Jeti-productgamma complementair met Agfa Graphics' aanbod voor de lagere en hogere marktsegmenten. De hoger genoemde overname van Pitman geeft Agfa Graphics de mogelijkheid om in de VS te groeien met zijn industriële inkjet door de toevoeging van bijkomende productlijnen (zoals inkjetmedia en inkten), software en apparatuur.
Om zijn marktpositie verder te verbeteren, steunt Agfa Graphics op zijn sterke merknaam, zijn toegang tot de wereldwijde markt en de ontwikkeling van performante apparatuur en inkten van de volgende generatie. Agfa Graphics zal een rol blijven spelen in de verdere consolidatie van de digitale drukindustrie.
Agfa Graphics heeft een erg breed gamma producten en oplossingen voor commerciële drukkers.
Een aanzienlijk deel van Agfa Graphics' inspanningen op het vlak van R&D zijn gericht op het verkleinen van de ecologische voetafdruk van de drukvoorbereidingsactiviteiten van zijn klanten. De businessgroep is een pionier op het vlak van chemievrije CtP-technologie. Op de vakbeurs Ipex 2010 introduceerde Agfa Graphics zijn nieuwe chemievrije drukplaat :Azura V. De plaat kan gebruikt worden op alle gangbare violette CtP-machines. De combinatie van :Azura V met Agfa Graphics' nieuwe :Avalon V4-plaatbelichter helpt kleine tot middelgrote drukkerijen om fouten in de belichting van drukplaten te vermijden, het afvalvolume terug te dringen en het onderhoudswerk te verlichten.
Agfa Graphics kwam ook met een opvolger voor zijn thermische :Amigo ThermoFuse-drukplaat. :Amigo TS biedt verbeterd contrast en werkt tot 50% sneller dan de originele :Amigo. Voorts werd het gamma :Avalon N8-plaatbelichters vernieuwd. De nieuwe systemen verbruiken minder energie zonder in te boeten op de prestaties en de kwaliteit. De plaatbelichter is de perfecte match voor Agfa Graphics' :Azura TS-, :Amigo- en :Energy Elite-drukplaten.
Bovendien bracht Agfa Graphics met :Apogee 7 een nieuwe versie van zijn workflowsoftware op de markt. Het pakket bevat een nieuwe impositiemodule, die voor het bepalen van de impositie reële informatie over de drukopdracht gebruikt in plaats van templates. Hierdoor spaart de gebruiker tijd en geld. Andere softwareproducten die op de markt kwamen zijn :Apogee Portal 7 – de nieuwe versie van het populaire portaal voor het uploaden van bestanden, voor preflighting en voor het maken van digitale drukproeven – en :Apogee Media 6.0 – een nieuw grafisch dashboard dat uitgevers in staat stelt om publicaties efficiënt te plannen, creëren, bewerken en controleren.
Voor krantendrukkerijen verbreedde Agfa Graphics opnieuw zijn gamma systemen die het drukvoorbereidingsproces helpen stroomlijnen.
Zo introduceerde Agfa Graphics de :Advantage N XXT-plaatbelichter. Met zijn productiesnelheid van 300 drukplaten per uur is het systeem het snelste lid van het :Advantage N-assortiment plaatbelichters. Het systeem werd ontworpen voor grote krantendrukkerijen en drukkerijen die nieuwe kansen in de hybride markt willen grijpen. Het helpt hen om kosten te besparen en tegelijkertijd de beeldkwaliteit en de productiviteit te verbeteren.
De veelzijdige :Dotrix Modular drukpers is met zijn unieke drukbreedte van 63 cm de productiefste UV 'single pass' drukpers in de grafische industrie. :Dotrix is tevens de enige digitale pers die in staat is om te drukken met een hoge productiecapaciteit op een brede waaier van onderlagen, van 20 micron 'dikke' flexibele folies, over zelfklevende materialen, tot vouwkarton met een dikte tot 600 micron.
Steunend op zijn ervaring als pionier op het vlak van chemievrije drukvoorbereidingsystemen voor commerciële drukkerijen, breidt Agfa Graphics ook zijn gamma milieuvriendelijke oplossingen voor krantendrukkerijen uit. In oktober introduceerde de businessgroep de :VXCF, een speciale clean-out unit voor de succesvolle chemievrije violette drukplaat :N92-VCF.
De brede familie van de :Anapurnagrootformaatprinters – voor het drukken van borden, displays en posters tot 2,5 meter breed – werd verder uitgebreid. De :Anapurna M 2050 biedt drukkers naast een grotere productiviteit de mogelijkheid om witte inkten te gebruiken. De :Anapurna 2500LED is uitgerust met LED-technologie voor het drogen van de inkt. Deze technologie zorgt voor lagere productiekosten en stelt de gebruiker in staat om meer verschillende materialen te bedrukken. De toonaangevende vlakbedpers :M-Press Tiger kreeg een upgrade met nieuwe grijsschaaltechnologie en snellere productiemodes. Hiermee wordt ingegaan op de vraag vanuit de markt naar nog betere
kwaliteit en nog snellere systemen. De meest geavanceerde pers in zijn klasse werd ook uitgerust met technologie voor het drukken van variabele data. Dit geeft gebruikers de mogelijkheid om hun producten- en dienstenaanbod uit te breiden zonder het productieproces te vertragen.
Door de samenwerking tussen de R&D-teams van het overgenomen Gandi Innovations en van Agfa Graphics ontstonden opwindende nieuwe mogelijkheden. Al in het eerste jaar na de overname introduceerde Agfa Graphics verscheidene nieuwe systemen in het :Jeti-printergamma. Ze bieden fotografische beeldkwaliteit en ongeëvenaarde productiesnelheden. Een voorbeeld is de vlakbedprinter :Jeti 3020 Titan. Het modulaire concept geeft gebruikers de mogelijkheid om het kleurenpalet en de snelheid uit te breiden wanneer ze dat nodig achten.
Voorts breidde Agfa Graphics zijn gamma inkjetinkten uit. De nieuwe inkten voor de :Anapurna M-printers verhogen de flexibiliteit van de systemen. De nieuwe :Agorix LM UV-inkten geven drukkers de mogelijkheid om Agfa Graphics' snelle inkjetpers :Dortrix Modular LM op een kostenefficiënte manier te gebruiken voor het bedrukken van voedselverpakkingen. De nieuwe :Agora-inkten zijn ideaal voor gebruik met de nieuwste generatie 'single pass' inkjetprintkoppen.
In 2010 boekte Agfa Graphics een aantal belangrijke commerciële successen. De resultaten van de businessgroep op verscheidene belangrijke vakbeurzen duidden erop dat de industrie herstelde van de effecten van de economische crisis. Agfa Graphics slaagde erin om zijn concurrentiepositie in zijn belangrijkste markten te vrijwaren of te verbeteren.
In het commerciële druksegment blijven de op ThermoFuse geba seerde milieuvriendelijke CtPdrukplaten de drukindustrie van hun vele voordelen overtuigen. Een goed voorbeeld ter illustratie is het succes van de chemievrije :Azuradrukplaten in Japan. Slechts vijf jaar na de introductie gebruiken al meer dan 250 Japanse drukkers de
technologie, wat Agfa Graphics een aandeel van meer dan 90% geeft in de Japanse markt voor chemievrije drukplaten. Het is nu al duidelijk dat de nieuwe :Azura TS-drukplaat in de voetsporen van haar voorganger zal stappen.
Aoba Printing (Hiroshima) was de eerste Japanse drukker die de nieuwe :Azura TS-technologie in gebruik nam.
Wereldwijd neemt Agfa Graphics ongeveer 80% van het snelgroeiende segment van de chemievrije drukplaten voor zijn rekening. Nu de productiviteit van de technologie verbetert, maken meer en meer grote drukkerijen de overstap naar milieuvriendelijke systemen in navolging van hun kleinere concurrenten. In de opkomende landen stappen veel drukkers rechtstreeks over van CtF naar chemievrije CtP.
Ook het aantal installaties van de :Apogee workflowsoftware blijft gestaag groeien. Momenteel zijn wereldwijd meer dan 7.000 :Apogeesystemen in gebruik.
In Canada tekende de toonaangevende dealer Nustream Graphic een overeenkomst voor de verdeling van Agfa Graphics' drukvoorbereidingssystemen in het hele land. De overeenkomst geeft Agfa Graphics de mogelijkheid om zijn aanwezigheid in de competitieve Canadese drukkerijwereld te vergroten.
Net zoals in het commerciële segment, hebben nieuwe contracten in het krantensegment vaak betrekking op volledige oplossingen. Het in de VS gebaseerde Times Shamrock Communications tekende bijvoorbeeld een overeenkomst voor Agfa Graphics' :Advantage N-SLplaatbelichter en :N91v-drukplaten. Times Shamrock bezit 42 kleine tot middelgrote drukcentra. Nog een opvallend contract werd getekend met het toonaangevende mediabedrijf Singapore Press Holdings Ltd (SPH). SPH verzocht Agfa Graphics
om zijn complete drukvoorbereidingsproces in zijn Print Centre van CtF- naar CtP-technologie te upgraden. Door deze beslissing werd SPH's Print Centre een van de grootste CtP-sites voor het drukken van een enkele krant ter wereld.
Met zijn vernieuwende drukvoorbereidingssystemen haalde of overtrof Agfa Graphics zijn doelstellingen op verscheidene vakbeurzen. Op IFRA Expo 2010 (Hamburg, Duitsland) werden bijvoorbeeld belangrijke bestellingen geboekt voor drukplaten, software en apparatuur. Zo werden niet minder dan 17 plaatbelichters verkocht.
Nu meer en meer drukkers overtuigd raken van de nood aan meer milieuvriendelijke technologieën, raken Agfa Graphics' chemievrije drukvoorbereidingsystemen ingeburgerd in krantenmarkten over de hele wereld. Zo werden het Jiefang Daily Printing Center (Sjanghai, China) en de Murray Pioneer (Riverland, Australië) in hun respectieve landen de eerste krantendrukkers die in zee gingen met Agfa Graphics' chemievrije drukplaat :N92-VCF. Momenteel gebruiken al 150 krantendrukkers Agfa Graphics' violette chemievrije drukplaten.
Overal ter wereld erkennen drukkers de superieure kwaliteit en productiviteit van Agfa Graphics' industriële inkjetsystemen. De businessgroep overtrof de doelstellingen op verscheidene vakbeurzen, zoals SGIA en Sign Expo (VS), Sign Expo Shanghai (China) en ExpoPrint (Brazilië). Op FESPA 2010 (Duitsland) verkocht Agfa Graphics niet minder dan 47 inkjetmachines.
Met de :Anapurna M 2050 en de :Anapurna 2500LED als nieuwe boegbeelden, bleef het uitgebreide gamma breedformaatprinters goed verkopen. Met contracten over de hele wereld, kon Agfa Graphics opnieuw zijn positie in het marktsegment van de breedformaatprinters verbeteren. Wereldwijd waren er eind 2010 meer dan 750 :Anapurnasystemen geïnstalleerd.
Agfa Graphics verkocht eveneens verscheidene supersnelle digitale :Dotrix Modular-drukpersen. Enkele van de nieuwe klanten zijn: LYFT Visual (Canada), Le Mac Australia Group en Unigraph (Brazilië).
Sinds de introductie in mei 2009 groeide het aantal geïnstalleerde :M-Press Tiger-vlakbedpersen gestaag. In 2010 werden over de hele wereld systemen geïnstalleerd. StylePrint, een van de toonaangevende zeefdrukbedrijven in Australië, toonde zijn tevredenheid met het paradepaardje onder Agfa Graphics' inkjetsystemen door een tweede systeem aan te kopen, slechts vijf maanden na de installatie van het eerste. De eerste :M-Press Tiger in Noord-Amerika werd besteld door Cameron Advertising Displays Ltd., een van de meest succesvolle zeefdrukbedrijven in Canada. Andere nieuwe klanten zijn The Middleton Group (Canada), Active Display Group (Australië) en ImageData Group (VK).
De :Jeti-drukmachines trokken veel aandacht op de vakbeurzen, wat resulteerde in verscheidene bestellingen. Ardent Displays & Packaging (VS) bestelde bijvoorbeeld Agfa Graphics' nieuwe :Jeti 3020 Titan tijdens de vakbeurs SGIA Expo 2010.
Agfa HealthCare heeft zijn hoofdzetel in Mortsel (België). De businessgroep heeft verkooporganisaties en vertegenwoordigers in meer dan 100 landen. Er zijn productieen onderzoekscentra in België, Duitsland, Frankrijk, Italië, Oostenrijk, de Verenigde Staten, Canada en China.
| Miljoen euro | 2010 | 2009 | % evolutie |
|---|---|---|---|
| Omzet | 1.180 | 1.178 | +0,2% |
| Recurrente EBITDA* | 174,3 | 168,0 | +3,8% |
| % van de omzet | 14,8% | 14,3% | |
| Recurrente EBIT* | 125,6 | 116,2 | +8,1% |
| Winst uit bedrijfsactiviteiten | 110,5 | 103,5 | +6,3% |
* voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten
Agfa HealthCare's omzet bleef nagenoeg stabiel op 1.180 miljoen euro. Zonder wisselkoerseffecten zou een daling van 3,3% genoteerd zijn. Zoals verwacht kon de groei van de IT-divisie de omzetdaling van de traditionele producten nog niet compenseren. De businessgroep verwacht het omslagpunt in de loop van de tweede helft van 2011. Binnen het ITsegment presteerde Imaging IT naar verwachting, met sterke groeicijfers in de opkomende markten en groeiende marktaandelen in Noord-Amerika en Europa. Enterprise IT deed het goed in het Duitssprekende deel van Europa, waar Agfa HealthCare's ORBIS-systeem al een stevige positie verworven heeft. In Frankrijk, België en Luxemburg zit deze activiteit nog in de investeringsfase. In het Imaging-segment bleef de markt voor traditionele filmproducten krimpen, terwijl Computed Radiography en Direct Radiography goed presteerden.
In de snel evoluerende medische wereld is Agfa HealthCare een wereldwijde leverancier van diagnostische beeldvormingsystemen en IT-oplossingen. De businessgroep ondersteunt ziekenhuizen en zorgcentra met producten en systemen voor het maken, beheren en verwerken van diagnostische beelden en gegevens, alsook met oplossingen voor het stroomlijnen en beheren van de globale klinische en administratieve informatie.
De DX-D 100, een mobiel en flexibel DR-systeem, werkt met een zeer korte blootstellingstijd. Beelden zijn onmiddellijk beschikbaar voor validatie. De hogere productiviteit en de uitstekende beeldkwaliteit zorgen samen voor een lagere kost per onderzoek en voor verhoogde diagnostische efficiëntie.
Met zijn brede portfolio en uitgebreide ervaring op het vlak van beeldvorming en IT, heeft Agfa HealthCare een unieke positie. Het kan aan de behoeften voldoen van elk ziekenhuis, elk beeldvormingscentrum en elke zorgorganisatie met meerdere vestigingen. Het maakt daarbij niet uit of deze klanten werken met op film gebaseerde producten, digitale systemen of volledige, geïntegreerde ITsystemen. Dit geeft zorgverstrekkers de mogelijkheid om voor al hun noden een beroep te doen op één enkele leverancier.
Vandaag rekenen clinici in de hele wereld op Agfa HealthCare voor steun bij het aanpakken van de uitdagingen van de moderne gezondheidszorg. De businessgroep is georganiseerd in twee afdelingen: Beeldvorming en IT.
Beeldvorming levert 61% van de omzet van Agfa HealthCare. De afdeling levert traditionele röntgenfilm, hardcopyfilm en -printers, apparatuur voor digitale radiografie en contrastmedia.
Het maakt deel uit van Agfa HealthCare's strategie om de gunstige uitgangspositie in radiologie te gebruiken om bestaande en nieuwe klanten bij te staan in hun overgang van analoge systemen naar digitale radiografie en IT-systemen.
Globaal gezien wordt verwacht dat de markt van de diagnostische beeldvorming zal blijven groeien door de toename en de veroudering van de wereldbevolking.
Agfa HealthCare heeft zijn wortels in de traditionele beeldvorming. Tot vandaag zorgen klassieke röntgenfilm en hardcopyfilm – waarop digitale beelden worden afgedrukt – nog steeds voor 43% van de omzet van de businessgroep. Röntgenfilm verliest snel terrein ten voordele van de digitale radiografie. Door de concurrentie van diagnose op computerschermen, blijft de hardcopyfilmmarkt krimpen in de VS en West-Europa. In de opkomende landen blijft dit segment van de beeldvormingsmarkt groeien.
De globale markt voor röntgenfilm en hardcopyfilm bedraagt ongeveer 1,6 miljard euro1 . Als duidelijke marktleider in Europa en de nummer twee in de rest van de wereld, streeft Agfa HealthCare naar kostleiderschap, waardoor het zijn aandeel in de krimpende filmmarkt verder kan uitbreiden. Met zijn geavanceerde filmproductieapparaat is het uitstekend gepositioneerd om ook in het volgende decennium nog actief te blijven in deze rendabele markt.
Naast hardcopyfilm levert Agfa HealthCare ook DRYSTARhardcopyprinters die clinici de mogelijkheid geven om digitale beelden af te drukken die gemaakt zijn met radiografieapparatuur en met andere modaliteiten, zoals CTen MRI-scanners. Agfa HealthCare's gamma geavanceerde printers bevat zowel kwaliteitsvolle tafelmodellen als netwerkprinters voor grote volumes.
Op het vlak van digitale radiografie biedt Agfa HealthCare zowel Computed Radiography-systemen (CR) als Direct Radiographysystemen (DR). Daardoor kan het op maat gemaakte oplossingen bieden aan zorgorganisaties die
investeringen in digitale beeldvorming plannen. Traditioneel heeft Agfa HealthCare een sterke reputatie opgebouwd met zijn uitgebreide gamma CR-digitizers. Deze systemen zijn compatibel met traditionele radiografieapparatuur. Ze zetten analoge beelden om in digitale bestanden. Daarmee helpen ze ziekenhuisafdelingen die intensief met beelden werken om hun efficiëntie te verbeteren en hun capaciteit te verhogen. Om ziekenhuizen met hoge eisen op het vlak van productiviteit ter wille te zijn, stapte Agfa HealthCare in 2009 in het DR-segment. DR-systemen zijn minder flexibel, fragieler en duurder dan CR-apparatuur, maar ze zijn wel productiever. Veel ziekenhuizen combineren beide technologieën om tegemoet te komen aan al hun noden op het vlak van röntgenonderzoek.
In 2010 begon Agfa HealthCare met het aanbieden van generische contrastmedia aan zijn klanten in bepaalde markten, volgend op de overname van de Duitse onderneming Insight Agents GmbH.
Zorgorganisaties en overheden zien IT als een essentieel onderdeel van hun inspanningen om gezondheidszorg betaalbaar te houden. Agfa HealthCare's IT-afdeling is een speler in de snelgroeiende en gefragmenteerde IT-markt met zijn beeld- en informatienetwerken en ondernemingsbrede IT-oplossingen. De IT-afdeling zorgt voor 39% van Agfa HealthCare's omzet.
De introductie van digitale radiografie in de vroege jaren '90 was een eerste concrete stap in de richting van de ontwikkeling van volledig geïntegreerde ziekenhuis-IT-systemen. Om digitale medische beelden van verschillende beeldvormingsmodaliteiten efficiënt te bewaren, beheren, verwerken en verdelen, installeren radiologieafdelingen Picture Archiving and Communication Systems (PACS). Deze systemen zijn vaak gekoppeld aan gespecialiseerde informatiesystemen, zoals Radiology Information Systems (RIS). Agfa HealthCare was een van de eersten om PACS wereldwijd op de markt te brengen en vandaag staat de IMPAX-merknaam voor zorgaanbieders overal ter wereld nog steeds
Agfa HealthCare introduceerde een geïntegreerde digitale röntgenkamer op de handelsbeurs RSNA 2010. Deze betaalbare en veelzijdige oplossing vult Agfa HealthCare's gamma radiografiesystemen aan. Ze biedt elk ziekenhuis en elke privé-praktijk de mogelijkheid om in hun eigen tempo de stap naar digitale technologie te zetten.
Agfa HealthCare's DX-M, een CR-systeem voor mammografie en voor algemene radiografie, komt tegemoet aan de vraag naar kwaliteitsvolle diagnostische beelden en biedt de mogelijkheid om de stralingsdosis te verminderen.
garant voor betrouwbaarheid en efficiëntie.
Op basis van zijn ervaring op het vlak van radiologie, ontwikkelde Agfa HealthCare een aantal IMPAXsystemen voor andere ziekenhuisafdelingen die intensief met medische beelden werken, zoals cardiologie en orthopedie, alsook voor bepaalde gespecialiseerde medische disciplines, zoals vrouwengeneeskunde.
Hoewel PACS- en RIS-systemen oorspronkelijk afdelingsgebonden waren, gebruiken zorgorganisaties ze nu ook om hun radiologieafdeling te verbinden met andere beeldintensieve afdelingen en zelfs om een netwerk te creëren tussen afdelingen van verschillende ziekenhuisvestigingen. De meest complexe systemen van Agfa HealthCare verbinden alle beeldintensieve afdelingen van alle zorgorganisaties in complete regio's met elkaar. Omdat ze de beelden en de daaraan verbonden informatie onmiddellijk beschikbaar maken, versnellen de systemen de diagnose en verbeteren ze de patiëntenzorg. Geavanceerde PACS-systemen zijn ontworpen om te voldoen aan de toenemende vraag naar geïntegreerde en efficiënte zorgverlening, over afdelingen, ziekenhuizen en regio's heen. Voorts maken ze telediagnose mogelijk. Agfa HealthCare is een van de grootste globale leveranciers van PACS en daarmee verbonden informatiesystemen. Het is marktleider in Europa, in Canada en in Latijns-Amerika.
De laatste jaren werd Agfa HealthCare een leider in de snelgroeiende markt voor ondernemingsbrede IT-systemen. ORBIS, Agfa HealthCare's toonaangevende Hospital Information System/ Clinical Information System (HIS/ CIS), verbindt medische afdelingen en administratieve afdelingen van ziekenhuizen in een virtueel netwerk. Het versnelt de diagnose en de behandeling door een onmiddellijke en volledige toegang te bieden tot alle relevante informatie over de patiënt. Bovendien ondersteunt het de administratie, de facturatie, het inplannen van afspraken en onderzoeken en de financiële rapportering. Het systeem kan dienen als basis voor een volwaardig Electronic Patient Record (EPR). Kortom, ORBIS is ontwikkeld om zorgorganisaties te helpen om hun productiviteit te
verhogen, hun zorgverlening te verbeteren en hun kosten te drukken.
De modulaire aanpak van Agfa HealthCare biedt zorgorganisaties de mogelijkheid om ORBIS in hun eigen tempo te implementeren. De verschillende modules kunnen afzonderlijk geïnstalleerd worden op maat van de wensen van de klant.
Agfa HealthCare nam de strategische beslissing om zich met ORBIS te concentreren op een beperkt aantal Europese landen. Momenteel zijn de systemen beschikbaar voor klanten in Duitsland, Frankrijk, België, Oostenrijk, Zwitserland en Luxemburg. Het succes in deze markten zal dienen als basis voor de expansie naar andere landen.
Agfa HealthCare heeft de ambitie om deel te nemen in de verdere consolidatie van deze gefragmenteerde markt. Daartoe onderzoekt de businessgroep nauwkeurig alle overname- en partnershipmogelijkheden die in de groeistrategie passen.
Zorgaanbieders streven voortdurend naar hogere kwaliteit, snellere service en verhoogde tevredenheid bij de patiënten. Tegelijkertijd worden ze echter door verscheidene maatschappelijke trends verplicht om de kosten te drukken. De noodzaak om patiëntenzorg en kostefficiëntie op elkaar af te stemmen brengt de zorgsector ertoe om op het vlak van informatisering een inhaalbeweging op de andere economische sectoren te maken.
Een belangrijke drijfveer voor de transformatie van de gezondheidszorg is de evolutie van de wereldbevolking. Volgens voorspellingen van de Verenigde Naties, zou de wereldbevolking tegen 2025 tot 9,1 miljard kunnen aangroeien. Voorts wordt verwacht dat het percentage 65-plussers tegen 2050 zou kunnen groeien van ongeveer 16% vandaag tot ongeveer 26% in de ontwikkelde landen en van ongeveer 6% tot ongeveer 15% in minder ontwikkelde landen. Aangezien de behoefte aan gezondheidszorg sterk verbonden is met leeftijd, zet deze evolutie overal ter wereld de zorgsystemen onder druk.
Verbonden met de veroudering van de bevolking en met de dramatische verandering in de levensstijl van de mensen is de snelle ontwikkeling van chronische ziekten. Dit zorgt ervoor dat het aantal diagnostische beeldvormingsprocedures toeneemt en dat de focus verschuift van de curatieve geneeskunde naar de preventieve geneeskunde.
Er zijn steeds meer bewijzen dat deze trends ertoe zullen leiden dat de huidige zorgsystemen van landen over de hele wereld niet langer volgehouden kunnen worden indien er de komende 15 jaar geen grondige veranderingen doorgevoerd worden. Volgens Espicom Business Intelligence zullen de gezondheidszorguitgaven in 2015 11% van het wereldwijde bruto nationaal product (BNP) uitmaken. Zonder grondige beleidswijzigingen, zouden de gezondheidszorguitgaven in de VS tegen 2035 zelfs tot 31% van het BNP kunnen groeien. Zich bewust van de noodzaak om oplossingen te vinden die kwaliteit met kostenefficiëntie combineren, promoten regeringen en lokale overheden de introductie van digitale technologieën, IT en e-health-systemen. Dit geldt niet enkel voor de Westerse wereld, maar ook voor de opkomende markten met sterke economische groeicijfers.
De introductie van IT wordt eveneens versneld door het groeiende besef dat medische fouten vaak veroorzaakt worden door de te beperkte toegang tot informatie over de medische achtergrond en de medische noden van de patiënt enerzijds en het gebrek aan een eenvoudige toegang tot klinische richtlijnen en geneesmiddelendatabases anderzijds. IT-systemen die alle relevante gegevens over de patiënt bundelen, ze op een gestructureerde manier bij de medische staf brengen, alsook de medische besluitvormingsprocessen ondersteunen, worden een hoeksteen van de hedendaagse zorgverstrekking. Bijgevolg investeren autoriteiten en zorgaanbieders meer en meer in Electronic Patient Records en Electronic Health Records (EHR).
De informatisering heeft er ook toe geleid dat patiënten beter geïnformeerd zijn. De opkomst van het internet als publieke informatiebron heeft de patiënt geëmancipeerd. Toegang tot medische informatie geeft patiënten meer controle over hun persoonlijke gezondheidszorg. Ze gaan actiever op zoek naar het
Agfa HealthCare's SEPARIO-sets bevatten wegwerplakens en -schorten voor gebruik in de radiologieafdeling, evenals producten voor een grote verscheidenheid aan procedures in de operatiekamer. Deze verbruiksgoederen worden verdeeld via Agfa's uitgebreide wereldwijde logistieke netwerk dat werd uitgebouwd voor de distributie van medische film.
Agfa HealthCare's ziekenhuisbrede IT-systeem ORBIS beheert en controleert alle medische, verpleegkundige, administratieve en zakelijke processen die betrekking hebben op de patiënt. Het verbetert de kwaliteit van de gezondheidszorg en het biedt een snelle en volledige toegang tot de medische achtergrond van de patiënt, inclusief alle medische beelden en gegevens.
zorgcentrum dat het beste aan hun behoeften voldoet. Dit zet zorgaanbieders nog meer onder druk om kwaliteitsvolle en betaalbare dienstverlening aan te bieden. Bovendien versnelde het groeiende bewustzijn van patiënten de ontwikkeling van minder invasieve visualisatiemethodes (zoals Agfa HealthCare's systeem voor virtuele colonoscopie).
Agfa HealthCare streeft ernaar om zowel in beeldvorming als in IT geïntegreerde oplossingen te bieden op maat van de klant. In 2010 introduceerde het een aantal toevoegingen aan zijn reeds brede portfolio.
Agfa HealthCare heeft een compleet gamma van traditionele röntgenfilmproducten, hardcopyfilm en -printers en CR- en DR-systemen. De businessgroep streeft ernaar om het zilvergehalte in de filmproducten te verminderen en om deze producten milieuvriendelijker en kostenefficiënter te maken. Bovendien investeert Agfa HealthCare in de vervollediging van zijn brede aanbod aan digitale beeldvormingssystemen.
In het begin van het jaar introduceerde Agfa HealthCare een tweede digitizer in de reeks CR-systemen van de volgende generatie. Het DX-M-systeem voor mammografie en algemene radiografie combineert de hoge beeldkwaliteit met een hoge productiviteit. De DX-G, de eerste digitizer in deze nieuwe reeks, kwam in 2009 op de markt. Het compacte systeem biedt een ongeziene flexibiliteit voor algemene radiografie.
In juni werd Agfa HealthCare in het '2010 Best in KLAS Medical Equipment Report' uitgeroepen tot leider in de categorie van de 'singleplate CR'. In hetzelfde rapport werd de CR 30-X-digitizer genoemd als het beste CR-product. Later in het jaar kreeg Agfa HealthCare een award van de 'Information Technology Association of Canada' voor de installatie van zijn CR- en IMPAX-systemen in het netwerk van het Canadese ministerie van defensie.
In november kregen Agfa HealthCare's CR 35-X- en CR 85-X -digitizers het 'Mammographic Type Test'-certificaat van EUREF, het Europees referentiecentrum voor
borstkankerscreening en diagnostische diensten. De certificaten van EUREF tonen zorgverstrekkers dat de geteste producten voldoen aan de normen op het vlak van beeldkwaliteit, stralingsdosis en stabiliteit.
Agfa HealthCare werkt ook aan de uitbreiding van zijn DR-portfolio. De mobiele DR-unit DX-D 100 werd aan het einde van het jaar geïntroduceerd. De DX-D 400, die werkt met film, CR-cassettes en Agfa HealthCare's DR-detectors, werd als 'work in progress' getoond op verscheidene vakbeurzen. Hetzelfde geldt voor de DX-D 10C draagbare detector. In 2010 breidde de businessgroep ook de geografische beschikbaarheid uit van een aantal bestaande DR-systemen naar de VS en Canada. Een nieuw trainingsprogramma voor digitale radiografie werd gelanceerd in Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk.
Alle CR- en DR-systemen van Agfa HealthCare werken met de MUSICA² beeldverbeteringssoftware en het toonaangevende NX-werkstation voor beeldidentificatie en kwaliteitscontrole.
"
Dankzij de overname van Insight Agents verrijkte Agfa HealthCare zijn activiteiten op het vlak van diagnostische beeldvorming met producten die steeds meer gebruikt worden bij beeldvormingsprocedures. De contrastmedia zijn een logische aanvulling bij Agfa's film, chemicaliën en printers.
Agfa HealthCare werkt voortdurend aan de verbetering van zijn IMPAXportfolio, die een naadloze integratie biedt van RIS, PACS en systemen voor het rapporteren of verwerken van onderzoeksresultaten.
In het laatste kwartaal van het jaar introduceerde Agfa HealthCare een aantal nieuwe toepassingen voor IMPAX 6.5. Ze zorgen voor onder meer middelen om de workflow te controleren, een verbeterde productiviteit en beeldverwerking alsook een vlottere verdeling van de beelden en data naar de behandelende geneesheer.
Enkele van de meest opvallende nieuwe releases in het IMPAXgamma zijn de IMPAX Kiosk en het IMPAX Nuclear Medicine Information System (NIS). De IMPAX Kiosk geeft patiënten de mogelijkheid om zich zelf te registreren en in te checken in de ziekenhuizen zonder te moeten wachten aan de receptie. Het systeem verkort de wachttijden en verhoogt de tevredenheid van de patiënt. IMPAX NIS
automatiseert de workflow van de afdeling nucleaire geneeskunde en verbetert de communicatie tussen de artsen van deze afdeling en de andere ziekenhuisafdelingen.
In nauwe samenwerking met cardiologen, verbeterde Agfa HealthCare zijn IMPAX CardioVascular-systeem voor het beheer van cardiovasculaire beelden en data en zijn IMPAX HeartStation ECG Management System. Het breidde tevens zijn IMPAX for Breast Imaging-systeem voor mammografie verder uit. In november stelde Agfa HealthCare zijn IMPAX tools op het vlak van business intelligence voor als 'work in progress'. Dit soort systemen wordt gezien als essentieel voor de verbetering van de efficiëntie van radiologieafdelingen.
Bovendien gaat de businessgroep door met de uitbreiding van de mogelijkheden van de IMPAX Data Center-systemen. Deze systemen bieden ziekenhuisgroepen, regionale zorgorganisaties en nationale medische archieven de mogelijkheid om op grote schaal medische beelden en diagnoseresultaten op te slaan. Een van de producten in ontwikkeling is de nieuwe versie van de door XERO ondersteunde IMPAX Data Center Viewer. Dankzij deze technologie zullen dokters centraal opgeslagen medische beelden en gegevens kunnen bekijken op populaire draagbare toestellen (zoals de Apple iPad), zonder dat ze daarvoor bijkomende software of plug-ins moeten downloaden.
Agfa HealthCare evalueert en verbetert zijn ORBIS HIS/CIS-platform voortdurend. Omdat de aanpasssing van deze uitgebreide systemen aan de vereisten van verschillende nationale gezondheidzorgsystemen grote inspanningen op het vlak van R&D vergt, introduceert Agfa HealthCare ORBIS slechts geleidelijk in bijkomende markten. In 2010 werden activiteiten opgestart in Rusland en het VK.
Agfa HealthCare geniet een sterke reputatie bij zijn talrijke klanten. In 2010 beloonde de Premier Healthcare Alliance de businessgroep met zijn 'Supplier Performance Award'. Met deze prijs drukt de organisatie haar appreciatie uit voor leveranciers die de operationele verwachtingen inlossen of overtreffen. Premier is een alliantie van meer dan 2.300 Amerikaanse ziekenhuizen en 67.000 andere zorgcentra.
Agfa HealthCare streeft ernaar een grote rol te spelen in de consolidatie van de krimpende markt voor traditionele röntgenfilm. Het marktsegment van de hardcopyfilm wordt gekenmerkt door de voortdurende achteruitgang in de VS en West-Europa en de groei in de opkomende markten. In 2010 kon Agfa HealthCare zijn marktaandeel in dit segment verder uitbouwen.
Het CR-segment rapporteerde verscheidene belangrijke commerciële successen. Zo tekende Agfa HealthCare een nieuw, voor drie jaar geldend multi-source contract met de Amerikaanse HealthTrust Purchasing Group. Hierdoor kan de businessgroep CR-producten aanbieden aan de meer dan 1.400 ziekenhuizen voor acute zorgen, 120 andere zorgcentra en 3.600 dokterspraktijken die lid zijn van HealthTrust.
In Europa blijft Agfa HealthCare de klantenbasis voor zijn in 2009 geïntroduceerde DR-systemen uitbouwen. De eerste Noord-Amerikaanse bestellingen voor de DR-systemen volgden onmiddellijk op hun introductie in die regio (midden 2010). Nieuwe contracten werden ondermeer getekend met Sunnybrook Health Sciences Centre (Toronto, Canada) en Credit Valley Imaging Associates (Mississauga, Canada). In totaal telde Agfa HealthCare eind 2010 40 DR-installaties. Het aantal bestellingen voor deze systemen groeit volgens plan.
In 2010 tekende Agfa HealthCare meer dan 200 IT-overeenkomsten met nieuwe klanten over de hele wereld. Deze klanten variëren van grote zorgorganisaties met meerdere vestigingen en regionale zorgverstrekkers over middelgrote ziekenhuizen tot beeldvormingscentra.
In Europa werden belangrijke IMPAX-contracten gesloten met onder meer de 600 bedden tellende Schön Klinik Hamburg Eilbek (Duitsland), het Centre Hospitalier Jean Monnet en het Centre Hospitalier de Montagris (Frankrijk), het Britse ministerie van defensie, het Hospital of St John & St Elizabeth (VK), het Academisch Medisch Centrum Amsterdam (Nederland) en het Universitair Ziekenhuis in Brno (Tsjechische Republiek). In Spanje installeert de Baskische overheid IMPAX in 15 bijkomende vestigingen, bovenop de 28 centra waar het systeem al in gebruik is.
In de VS worden IMPAX-systemen geïnstalleerd bij de Cleveland Clinic Foundation (een ziekenhuis met 1.300 bedden) en bij acht ziekenhuizen van het Department of Veterans Affairs. Het laatste contract illustreert de sterke aanwezigheid van Agfa HealthCare in de Amerikaanse militaire hospitalen en hospitalen voor veteranen. Voorbeelden van nieuwe Canadese klanten zijn de provincie Alberta, het Collingwood General & Marine Hospital in Ontario en de Hospital Diagnostic Imaging Repository Services in Toronto.
Ook in andere delen van de wereld werden aanzienlijke contracten gesloten, zoals met de 25 vestigingen tellende beeldvormingsgroep FIDI Foundation (São Paulo, Brazilië) en met het National Taiwan University Hospital.
Eind 2010 ondersteunde Agfa HealthCare meer dan 2.300 zorgcentra in meer dan 30 landen met zijn IMPAX-systemen.
Met enkele tientallen nieuwe overeenkomsten in 2010 versterkte Agfa HealthCare met het ORBIS-platform zijn toonaangevende positie in de Europese HIS/CIS-markt.
In Frankrijk inspireerde de vooruitgang in het prestigieuze ORBIScontract met de 37 vestigingen tellende ziekenhuisgroep Assistance Publique – Hôpitaux de Paris (getekend in 2008) verschillende organisaties om met Agfa HealthCare samen te werken voor hun noden op het vlak van ondernemingsbrede IT. Een van de voornaamste nieuwe klanten is het Montpellier CHRU, met zeven vestigingen een van de belangrijkste zorgorganisaties in Frankrijk.
In Duitsland voegde Agfa HealthCare niet minder dan 39 zorgorganisaties toe aan zijn brede HIS/CIS-klantenbestand. Hiermee versterkt het zijn dominante positie in deze markt.
In België werd een overeenkomst getekend met het Ziekenhuis Oost-Limburg voor de installatie van ORBIS Care in de drie vestigingen van de organisatie.
Eind 2010 was ORBIS geïnstalleerd in meer dan 900 zorgcentra in Europa. In totaal wordt het systeem gebruikt door meer dan 500.000 clinici, verplegers, ziekenhuismanagers en administratieve en technische personeelsleden.
De hoofdzetel van Agfa Specialty Products is gevestigd in Mortsel (België). De productievestigingen bevinden zich in België, de Verenigde Staten, China en Argentinië.
| Miljoen euro | 2010 | 2009 | % evolutie |
|---|---|---|---|
| Omzet | 203 | 236 | -14,0% |
| Recurrente EBITDA* | 12,3 | 17,1 | -28,1% |
| % van de omzet | 6,1% | 7,2% | |
| Recurrente EBIT* | 8,3 | 12,7 | -34,6% |
| Winst uit bedrijfsactiviteiten | 5,2 | 7,4 | -42,3% |
* voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten
De omzet van Agfa Specialty Products daalde met 33 miljoen euro, vooral door de verschuiving van een deel van de filmbusiness naar Agfa Graphics en door de marktgedreven daling voor enkele van de Classic Film-producten. De film voor de productie van gedrukte schakelingen presteerde goed.
Agfa Specialty Products levert producten aan uiteenlopende industriële markten. De portfolio bevat klassieke filmproducten, evenals innovatieve producten voor nieuwe markten.
De businessgroep Agfa Specialty Products steunt op Agfa's basiskennis op het vlak van de productie van polymeersubstraten en speciale deklagen. In deze context bouwt het voort op de jarenlange ervaring die de Agfa Groep heeft opgebouwd in de productie van (fotografische) chemische film.
De activiteiten van Agfa Specialty Products worden onderverdeeld in Classic Film, Film Manufacturing Services en New Business.
Agfa Specialty Products levert traditionele op film gebaseerde verbruiksgoederen aan beeldvormingsmarkten die niet tot het vakgebied van Agfa Graphics en Agfa HealthCare behoren. In deze markten worden analoge systemen geleidelijk vervangen door digitale alternatieven. In bepaalde segmenten zijn filmproducten echter nog steeds de norm omdat ze hoge resoluties, uitstekende beeldkwaliteit en gebruiksgemak garanderen, terwijl de omschakeling naar digitale technologie vaak aanzienlijke investeringen vergt. De activiteiten in Classic Film kunnen in vier hoofdcategorieën worden onderverdeeld.
Voor de speelfilmindustrie levert Agfa rechtstreeks kleurenfilm voor het maken van filmkopieën en geluidsregistratiefilm aan speelfilmlaboratoria in de hele wereld. Deels door het succes van 3D-cinema versnellen bioscopen overal ter wereld hun investeringen in digitale projectietechnologie. Hierdoor bleef de omzet in dit segment in 2010 dalen.
In het segment van de luchtfotografie levert Agfa Specialty Products films, chemicaliën, fotopapier en software. De terugval in de traditionele filmmarkt versnelt doordat de kwaliteit van de digitale alternatieven verbetert. Ondanks een aanzienlijke omzetdaling in 2010, kon Agfa Specialty Products zijn marktaandeel behouden.
De microfilm van Agfa Specialty Products staat bekend om zijn hoge gevoeligheid en zijn uitzonderlijke beeldkwaliteit. De traditionele microfilmmarkt blijft met 10 tot 15% per jaar krimpen.
Agfa Specialty Products is een belangrijke producent van film voor de productie van gedrukte schakelingen (Printed Circuit Boards – PCB) voor de elektronica-industrie. Elektronicaproducenten gebruiken de film om de extreem fijne geleidende circuits op de gedrukte schakelingen te registreren. Omdat inkjet beschouwd wordt als een veelbelovende technologie voor PCB-productie, richt Agfa Specialty Products zijn O&O-inspanningen op de ontwikkeling van inkjetinkten voor PCB-toepassingen.
In het zog van de elektronicaindustrie is de wereldwijde PCBproductie de laatste drie decennia continu gegroeid. Na een dip door de economische crisis, begon er in het midden van 2009 opnieuw een positieve stemming te heersen in de elektronica-industrie, wat leidde tot een heropleving van de PCBproductie. Hierdoor boekte Agfa Specialty Products voor zijn PCBfilm in 2010 een aanzienlijk hogere omzet dan in het voorgaande jaar. De businessgroep slaagt er in om het marktaandeel in dit groeiende segment te behouden.
Agfa is de grootste producent ter wereld van film voor de productie van gedrukte schakelingen. De superieure Idealine-filmen worden door elektronicaproducenten gebruikt om de extreem fijn gelijnde circuits op de gedrukte schakelingen te registreren.
Film Manufacturing Services groepeert de activiteiten van Agfa Specialty Products als producent van speciale filmen en chemicaliën voor industriële klanten.
Agfa Specialty Products produceert hoogstaande röntgenfilm voor niet-destructief materiaalonderzoek. Met de film worden ondermeer lasnaden in pijplijnen, stalen structuren en vliegtuigrompen getest. Wanneer Agfa in 2003 zijn NDT-businessgroep aan de General Electric Company (GE) verkocht, tekenden beide partijen een langetermijnovereenkomst waardoor Agfa röntgenfilm aan GE kon blijven leveren. Agfa treedt nu op als de exclusieve producent van GE's NDTröntgenfilm en de daarmee verbonden chemicaliën. Momenteel is de globale NDT-filmmarkt stabiel.
Agfa levert geavanceerde PETfilmonderlagen, chemische materialen en hightech (half-)fabrikaten aan industriële klanten die ze vooral gebruiken voor de productie van beeldvormingsproducten. Deze materialen kunnen op maat van de eisen van de klant gemaakt worden. Het segment ondervond de effecten van de stopzetting van OEM-filmcontracten met bepaalde bedrijven in de grafische industrie en van de shift van volumes naar Agfa Graphics. Anderzijds werd in 2010 een aantal nieuwe contracten afgesloten.
Op basis van zijn kerncompetenties in PET-filmproductie en in chemische bereidingen en filmdeklagen, ontwikkelt Agfa Specialty Products geavanceerde producten en materialen voor veelbelovende groeimarkten.
Synthetisch papier is een alternatief voor gecoat papier voor toepassingen met hoge eisen op het vlak van duurzaamheid.
Agfa Specialty Products introduceerde zijn op polyester gebaseerde synthetische papier in 2008 onder de merknaam Synaps. Het papier valt op door zijn uitzonderlijk korte droogtijd. Bovendien is het bestand tegen water, scheuren en UV-licht, waardoor het ook geschikt is voor buitenhuistoepassingen. Zijn unieke bovenlaag maakt dat Synaps eruitziet en aanvoelt als een luxepapier. Synaps kan bedrukt worden met standaardinkten op alle offsetdrukpersen en op UV-inkjetprinters. Synaps is geschikt voor een grote verscheidenheid aan toepassingen, zoals labels, displays voor binnen en buiten, hoogstaand commercieel drukwerk en bepaalde verpakkingssoorten.
In 2010 voegde Agfa Specialty Products twee zelfklevende versies toe aan zijn Synaps-portfolio. Synaps AP is ideaal voor permanente markeringen en labels, terwijl het verwijderbare Synaps AR geschikt is voor de productie van promotiedisplays die aangebracht kunnen worden op ruiten en andere vlakke ondergronden. Een nieuw gamma voor gebruik met toner kwam begin 2011 op de markt.
Door de groeiende aandacht voor veiligheid en identificatie, investeren overheden in hightech elektronische ID-documenten waarvan de authenticiteit snel en efficiënt gecheckt kan worden. Agfa Specialty Products speelt in op de groeiende vraag naar fraudebestendige ID-documenten met een gamma van speciale materialen en verbruiksgoederen. Hiermee richt het zich op toepassingen met hoge eisen op het vlak van duurzaamheid en veiligheid, zoals persoonlijke ID-documenten en bank- en kredietkaarten. Dankzij zijn ervaring in PET-productie kon Agfa betrouwbare en duurzame materialen ontwikkelen (op de markt onder de PETix-merknaam) die gecombineerd kunnen worden met geavanceerde personalisatie- en beveiligingstechnieken. In 2010 voegde Agfa Specialty Products twee nieuwe producten toe aan zijn PETix-portfolio.
Agfa Specialty Products is een expert op het vlak van producten op basis van geleidende polymeren voor het antistatisch maken van filmen en componenten. Gebaseerd op deze producten, ontwikkelde Agfa zijn Orgacon-gamma van drukinkten, pasta's en emulsies voor de productie van transparante elektroden die gebruikt worden in compacte en lichte elektronische toestellen. Verwacht wordt dat bijkomend onderzoek zal leiden tot nieuwe toepassingen voor Orgaconmaterialen, zoals displays, volvlakverlichting en flexibele zonnecellen. Het ligt ook in de lijn der verwachtingen dat Orgacon in een groeiend aantal toepassingen een vervanger kan worden voor ITO (Indium Tin Oxide).
!
Voortbouwend op het intellectueel eigendom en de kennis van de Groep op het vlak van inkjetinkten, ontwikkelt en vermarkt Agfa Specialty Products inkjetinkten voor een aantal nichetoepassingen buiten het werkdomein van Agfa Graphics. De nadruk ligt op verpakking voor voedsel en farmaceutica en op het bedrukken van hout, textiel en glas.
In 2010 richtte Agfa Specialty Products een deel van zijn onderzoek en ontwikkeling op vernieuwende toepassingen gebaseerd op zijn knowhow op het vlak van coating. In deze context werd in 2010 ondermeer het Zirfon Perlmembraan voor de elektrolyse van water met succes op de markt gebracht. Het onderzoek in andere gebieden werd voortgezet.
Agfa Specialty Products maakt deel uit van de Agfa Materials organisatie. Naast de activiteiten van Agfa Specialty Products produceert Agfa Materials alle filmproducten en de daaraan verbonden chemicaliën voor de businessgroepen Agfa HealthCare en Agfa Graphics en voor een aantal derden.
Alle Agfa-activiteiten op het vlak van onderzoek en ontwikkeling voor materialen werden gecentraliseerd in het Agfa Materials Technology Centre. Op basis van kerncompetenties en van goed omlijnde technologieplatformen ondersteunt het centrum de innovatie en het onderzoek van alle businessgroepen van Agfa en – in voorkomende gevallen – van derden.
De strategie van Agfa Specialty Products steunt op twee pijlers:
Vanaf de notering op Euronext Brussel in juni 1999 heeft Agfa-Gevaert NV veel aandacht besteed aan transparante beleidslijnen bij het bepalen van het bestuur van de Vennootschap. Vele van onze bestaande beleidslijnen waren dan ook reeds in overeenstemming met de Belgische Corporate Governance Code zoals uitgevaardigd einde 2004. In overeenstemming met de richtlijnen van deze Code van 2004, heeft de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert het Corporate Governance Charter op 30 januari 2009 herzien. Bij deze gelegenheid paste de Raad van Bestuur het Corporate Governance Charter aan aan het toenmalig ontwerp van 2009 van de Belgische Corporate Governance Code (de '2009 Code'). Intussen werd op 12 maart 2010 de 2009 Code gepubliceerd. Deze laatste is dan ook de referentiecode voor het financiële jaar 2010. Ze kan worden geraadpleegd op de website van het CBFA: www.cbfa. be. Het volledige Corporate Governance Charter van de Vennootschap is gepubliceerd op de website: www.agfa.com/investorrelations. Inmiddels werd in het Belgisch Staatsblad op 23 april 2010 ook de Corporate Governance wet van 6 april 2010 gepubliceerd. Dit Corporate Governance Statement is tevens in overeenstemming met voornoemde wet, die kan worden geraadpleegd op de website van het Belgisch Staatsblad: www.staatsblad.be.
De bestuursstructuur van de Vennootschap is opgebouwd rond de Raad van Bestuur, de Chief Executive Officer (CEO) en het Executive Committee (Exco). De Raad van Bestuur wordt bijgestaan door een Benoemingsen Remuneratiecomité, een Auditcomité en een Strategisch Comité.
De Raad van Bestuur is als hoogste bestuursorgaan bevoegd om alle handelingen te verrichten die noodzakelijk of nuttig zijn voor de verwezenlijking van het maatschappelijk doel, met uitzondering van die waarvoor volgens de wet alleen de Algemene Aandeelhoudersvergadering bevoegd is (onder meer de wijziging van de statuten, kapitaalverhoging buiten toegestaan kapitaal, kapitaalvermindering).
De bevoegdheden en werking van de Raad van Bestuur worden in extenso beschreven in het Corporate Governance Charter.
De statuten bepalen dat de Raad van Bestuur vergadert wanneer het belang van de Vennootschap dit vereist of wanneer twee bestuurders hierom verzoeken. In 2010 vonden er tien effectieve vergaderingen plaats; één beslissing werd genomen bij eenparig schriftelijk besluit onder de voorwaarden voorzien in de statuten.
De Raad van Bestuur vergaderde en besliste tijdens 2010 onder meer over: het bepalen van de bedrijfsstrategie en van de belangrijkste beleidslijnen, de vooruitzichten voor 2010 en de actieplannen voor de volgende jaren, de aanbevelingen gedaan door de verschillende Comités van de Raad van Bestuur, het risicomanagement, de goedkeuring van budgetten, kostenbeheersingscenario's, de benoeming van een nieuwe CEO, een kapitaalsverhoging in het kader van het toegestaan kapitaal, de evolutie van belangrijke juridische geschillen en de goedkeuring van de jaarrekeningen.
Bestuurders die mogelijkerwijs een belangenconflict hebben met betrekking tot een agendapunt moeten dit voor iedere beraadslaging melden en moeten zich onthouden van beraadslaging en stemming over dat
onderwerp. Meer in het bijzonder mogen bestuurders zich niet in conflictsituaties plaatsen zoals beschreven in het Corporate Governance Charter van de Vennootschap. Wanneer een dergelijke situatie zich tegen hun wil in alsnog voordoet, dan moeten zij dit bekendmaken voor enige beraadslaging met betrekking tot het bewuste agendapunt plaatsvindt en zich onthouden van beraadslaging en stemming hierover. In 2010 hebben er zich geen situaties voorgedaan waarbij een bestuurder rechtstreeks of onrechtstreeks een belangenconflict had met een beslissing van de Raad van Bestuur.
De statuten bepalen dat de Raad van Bestuur samengesteld is uit ten minste zes leden, al dan niet aandeelhouders, die benoemd worden voor een hernieuwbare termijn van maximum drie jaar. Minstens de helft van de leden zijn 'niet-uitvoerende bestuurders', en minstens drie van hen zijn onafhankelijk.
Aan het mandaat van Mercodi BVBA, met als vaste vertegenwoordiger de heer Jo Cornu, als bestuurder van de Vennootschap was een einde gekomen onmiddellijk na de Jaarvergadering van 27 april 2010. Tijdens de Jaarvergadering van 27 april 2010 werd Mercodi BVBA door de aandeelhouders herbenoemd als bestuurder voor een nieuwe termijn van drie (3) jaar.
Tevens werd de vennootschap CRBA Management BVBA, met als vaste vertegenwoordiger de heer Christian Reinaudo, in dezelfde Jaarvergadering verkozen tot bestuurder van de Vennootschap voor een termijn van drie (3) jaar.
Sedert 27 april 2010 bestaat de Raad van Bestuur dan ook uit de hiernavolgende acht leden:
p CRBA Management BVBA, met als vaste vertegenwoordiger Christian Reinaudo, CEO, lid sedert 2010, Bestuurder van vennootschappen;
p Pamica NV1 , met als vaste vertegenwoordiger Michel Akkermans, lid sedert 2008, Bestuurder van vennootschappen;
Aan het mandaat van de heer Willy Duron, de heer Roland Junck, Pamica NV, met als vaste vertegenwoordiger de heer Michel Akkermans en Value Consult Management- und Unternehmensberatungsgesellschaft mbH, met als vaste vertegenwoordiger de heer Horst Heidsieck, zal een einde komen onmiddellijk na de Jaarvergadering van 26 april 2011. Zij stellen zich herkiesbaar.
Aan de aandeelhouders zal tijdens de Jaarvergadering op 26 april 2011 worden voorgesteld de heer Willy Duron, de heer Roland Junck, Pamica NV, met als vaste vertegenwoordiger de heer Michel Akkermans en Value Consult Management- und Unternehmensberatungsgesellschaft mbH, met als vaste vertegenwoordiger de heer Horst Heidsieck, als onafhankelijk bestuurder te herbenoemen voor een nieuwe termijn van drie (3) jaar.
Julien De Wilde (°1944 - Belg) behaalde het diploma van burgerlijk ingenieur aan de Katholieke Universiteit Leuven (België). Vanaf 1969 oefende hij verschillende managementfuncties uit bij Texaco. In 1986 werd hij benoemd tot lid van de Europese Raad van Texaco in New York. In 1988 ging hij het onderzoek- en business development-centrum van Recticel leiden. Een jaar later trad hij toe tot het Directiecomité van Alcatell Bell. Hij droeg er de verantwoordelijkheid voor strategie en algemene diensten. Van 1995 tot 1998 was Julien De Wilde CEO van Alcatell Bell en van 1999 tot 2002 Executive Vice-President en lid van het Directiecomité van Alcatel in Parijs, verantwoordelijk voor Europa, het Midden-Oosten, Latijns-Amerika, India en Afrika. Van 1 juli 2002 tot mei 2006 was hij CEO van de Bekaert Groep.
Julien De Wilde trad toe tot Agfa's Raad van Bestuur in 2006. Sinds april 2008 is hij Voorzitter van de Raad van Bestuur.
(1) Onafhankelijk bestuurder in de zin van artikel 526ter van het Wetboek van Vennootschappen.
Christian Reinaudo (°1954 - Fransman) studeerde af aan de 'Ecole de Physique et de Chimie Industrielles de Paris' en heeft een doctoraat van de Universiteit van Parijs (Frankrijk). Hij startte zijn loopbaan bij Alcatel (toen nog 'Compagnie Générale d'Electricité') in 1978 in het Onderzoeks- en Ontwikkelingscentrum van Marcoussis (Frankrijk). Tijdens zijn Alcatel-periode leidde hij activiteiten met een omzet van verschillende miljarden euro en internationale verkoop- en serviceorganisaties. Van 1984 tot 1996 bekleedde hij verschillende functies binnen de 'Cable'-Groep van Alcatel (nu Nexans), van onderzoek en ontwikkeling tot productie, aankoop, verkoopondersteuning en diensten.
Begin 1997 werd hij President van de Submarine Networks Divisie. Toen hij tot President van de hele Optics Groep werd benoemd, trad hij in 2000 toe tot het Directiecomité van Alcatel als Executive Vice President. In 2003 werd hij benoemd tot President van Alcatel Asia Pacific en verhuisde hij naar Shanghai (China) waar hij verbleef tot 2006. In die periode was hij ook de Ondervoorzitter van de Raad van Bestuur van Alcatel Shanghai Bell, de Chinese joint venture tussen Alcatel en de Chinese overheid. Na zijn terugkeer naar Parijs in 2006 werd hij verantwoordelijk voor het management van het integratie- en transitieproces als gevolg van de fusie van Alcatel en Lucent Technologies. Hij ging ook deel uitmaken van de Raad van Bestuur van Draka Comteq (Nederland). In 2007 werd hij benoemd tot President van Alcatel-Lucent Noord- en Oost-Europa en trad hij toe tot de Raad van Bestuur van Alcatel-Lucent (België).
Begin 2008 stapte Christian Reinaudo over naar Agfa-Gevaert waar hij President van Agfa HealthCare werd.
Christian Reinaudo trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2010. Op 1 mei 2010 werd hij tevens CEO van Agfa-Gevaert.
Michel Akkermans (°1960 - Belg) behaalde een diploma van ingenieur in de elektronica en de computerwetenschappen en een diploma in de economie en financiën aan de Katholieke Universiteit Leuven (België). Hij bekleedde managementfuncties bij een aantal internationale bankinstellingen en consulting-bedrijven alvorens in 1989 FICS op te richten, een toonaangevende softwarespecialist op het vlak van online-bankieren en financiële rapportering.
In 1999 fuseerden FICS, Edify en Vertical One met Security First Technologies tot S1 Corporation, de marktleider op het vlak van bankieren via het internet. Michel Akkermans werd Voorzitter van deze groep. In 2002 werd hij Voorzitter en CEO van Clear2Pay, een vernieuwende e-finance-onderneming, gespecialiseerd in wereldwijd toepasbare oplossingen voor beveiligde elektronische betalingen.
Jo Cornu (°1944 - Belg) studeerde af als burgerlijk ingenieur elektrotechniek en werktuigkunde aan de Katholieke Universiteit Leuven (België) en hij behaalde een PhD-diploma elektronica aan de Carlton University in Ottawa (Canada). Jo Cornu was CEO van Mietec van 1982 tot 1984 en daarna General Manager van Bell Telephone tot 1987. Van 1988 tot 1995 was hij lid van het Directiecomité van Alcatel NV en van 1995 tot 1999 COO van Alcatel Telecom. Daarna werd hij adviseur van de Voorzitter van de Raad van Bestuur van Alcatel. Van 2005 tot 2007 was Jo Cornu voorzitter van de ISTAG groep (Information Society Technologies Advisory Group) van de Europese Commissie. Van begin maart 2007 tot einde januari 2008 was hij voorzitter van Medea +, de Eureka Cluster voor Micro-elektronica Research in Europa.
Jo Cornu trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2002. Eind november 2007 werd Jo Cornu tot CEO van Agfa-Gevaert benoemd. Hij legde zijn mandaat van CEO neer met ingang van 1 mei 2010. Op 27 april 2010 werd hij herbenoemd tot bestuurder.
p Bestuurder KBC Groep NV, Electrawinds en Belgacom NV van publiek recht.
Willy Duron (°1945 - Belg) is licentiaat in de wiskunde (Rijksuniversiteit Gent, België) en licentiaat in de actuariële wetenschappen (Katholieke Universiteit Leuven, België). Hij begon zijn loopbaan in 1970 als actuaris bij ABB verzekeringen (Assurantie van de Belgische Boerenbond) waar hij in 1984 directeur Leven en Herverzekering en later Adjunct-Directeur-Generaal werd.
In 2000 werd hij Voorzitter van het Directiecomité van KBC Verzekeringen NV, en in 2003 Voorzitter van het Directiecomité van KBC Bankverzekeringsholding NV. Vanaf begin 2005 tot het najaar van 2006 was hij CEO van KBC Groep NV.
Horst Heidsieck (°1947 - Duitser) bezit een doctoraatsdiploma in de fysica. Tijdens zijn studies aan de Universiteit van Bonn (Duitsland) en de Technische Universiteit van Aken (Duitsland) concentreerde hij zich op de fysica van de vaste stof, de elektronica en de metaalkunde. Van 1980 tot 1991 bekleedde hij diverse managementfuncties – waaronder een plaats in de Executive Board – binnen de Degussa Groep. In 1990 werd hij CEO van de technologiegroep Leybold en van 1995 tot 1998 integreerde hij met succes de voormalige concurrenten Leybold en Balzers in de nieuw opgerichte Balzers und Leybold Groep. In de daarop volgende jaren was Horst Heidsieck lid van het Adviescomité en later CEO van de Heraeus Holding, een technologiegroep met zeer diverse activiteiten. Van 2003 tot eind 2006 was hij CEO van de Demag Holding, een verzameling van zeven bedrijven die in 2002 door Kohlberg Kravis Roberts werden overgenomen van Siemens. Sinds januari 2007 is hij beherend aandeelhouder van het nieuw opgerichte consulting-bedrijf Value Consult. Hij treedt op als lid van raadgevende organen en ondersteunt managers bij het verwezenlijken van verbeteringen in hun ondernemingen.
Roland Junck (°1955 – Luxemburger) studeerde af aan het Federale Polytechnische Instituut in Zürich (Zwitserland) en hij behaalde een MBA-diploma aan de Sacred Heart University in Luxemburg. Hij begon zijn carrière bij Arbed. Bij TrefilARBED Bissen werd hij General Manager in 1993 en Managing Director in 1996. Na diverse managementfuncties bij Arbed, werd hij in 1998 Senior Vice President bij Aceralia (Spanje). Van 1999 tot 2002 was hij lid van de Management Board van de Arbed Groep. In 2002 werd hij benoemd tot Senior Executive Vice President van het pas opgerichte Arcelor, dat ontstaan was uit de fusie van Aceralia, Arbed en Usinor. In augustus 2006 werd hij CEO van Arcelor Mittal en lid van de Management Board van de groep. Na de reorganisatie van de managementstructuur van deze onderneming in november 2006, werd hij aangesteld als adviseur van de CEO terwijl hij lid bleef van de Board tot juli 2007. In februari 2009 werd hij benoemd tot CEO van Nyrstar NV.
Roland Junck trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2008.
Christian Leysen trad toe tot de Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert in 2003.
Antwerpen Management School.
p Voorzitter Ahlers NV, Xylos NV, Axe Investments NV, Universiteit Antwerpen Management School en Designcenter De Winkelhaak NV.
een dienstverlener in informatie- en communicatietechnologie.
Christian Leysen (°1954 - Belg) behaalde de diploma's van handelsingenieur en licentiaat in de rechten aan de Vrije Universiteit Brussel (België). In 1984 richtte hij Xylos op,
In 1989 werd hij verantwoordelijk voor het dagelijkse bestuur van het maritieme en logistieke bedrijf Ahlers. Sinds 1994 is hij er CEO. Van 2000 tot 2002 was hij lid van de Antwerpse gemeenteraad en Voorzitter van de Raad van Bestuur van de Antwerpse Waterwerken. In 2004 werd hij Voorzitter van de Raad van Bestuur van de Universiteit
p Bestuurder De Post NV van publiek recht (bpost), Astra Immo, Astros Immo, Astros Logistic Center, BIM NV, ALC International en ADM CVBA.
Het Auditcomité vervult de taken zoals omschreven in artikel 526bis§4 van het Wetboek van Vennootschappen en staat de Raad van Bestuur bij in het uitoefenen van zijn opdracht van controle in de ruimste betekenis van het woord. Zijn bevoegdheden en werking worden in extenso beschreven in hoofdstuk 5.1 van het Corporate Governance Charter.
Het Auditcomité bestaat sedert 1 mei 2010, datum waarop Jo Cornu tot het Comité toetrad, uit vier nietuitvoerende bestuurders, waarvan drie onafhankelijke, m.n. de heer W. Duron, Voorzitter, en de heren H. Heidsieck, R. Junck en J. Cornu. Al deze heren voldoen aan de vereisten van artikel 526bis§2 van het Wetboek van Vennootschappen inzake deskundigheid op het gebied van boekhouding en audit. Het Comité had vijf zittingen in 2010.
Onder meer de volgende agendapunten werden in de loop van 2010 behandeld: het nazicht van de jaarrekeningen 2009, de kwartaalresultaten van 2010 en de rapporten van de interne auditafdeling, de opvolging van belangrijke juridische zaken zoals het AgfaPhoto-dossier
en de evaluatie van het risicomanagement in de Groep.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité werd door de Raad van Bestuur belast met verantwoordelijkheden inzake de voordracht voor benoeming, herbenoeming en ontslag van Bestuurders en leden van het Executive Management, het remuneratiebeleid en de individuele remuneratie van Bestuurders en leden van het Executive Management. De taken en werking van het Benoemings- en Remuneratiecomité worden in extenso beschreven in hoofdstuk 5.2 van het Corporate Governance Charter. Het Benoemings- en Remuneratiecomité bestaat uitsluitend uit nietuitvoerende bestuurders.
Het Comité bestaat sedert 1 mei 2010, datum waarop J. Cornu tot dit Comité toetrad, uit vier leden m.n. de heer C. Leysen, Voorzitter, en de heren J. De Wilde, M. Akkermans en J. Cornu. Het Comité had vijf zittingen in 2010 en o.m. de volgende agendapunten werden in de loop van 2010 behandeld: samenstelling van de Raad van Bestuur en de Comités, zelfevaluatie van de Raad van Bestuur en de evaluatie van de interactie tussen de Raad van Bestuur en het Executive
Management, het remuneratiebeleid, het beleid met betrekking tot internationale opdrachten, prestaties en remuneratie van het Executive Management en Senior Executives, pensioenverplichtingen en opstellen Remuneratieverslag.
De bevoegdheden en werking van het Strategisch Comité worden in extenso beschreven in het Corporate Governance Charter. Het Strategisch Comité adviseert de Raad van Bestuur omtrent de strategische beleidsopties en meer bepaald, omtrent de strategische ontwikkelingen in de domeinen waarin de Vennootschap actief is. Het Strategisch Comité adviseert de Raad eveneens omtrent het vijfjarenplan dat door het Executive Management ieder jaar wordt voorgelegd, omtrent strategische dossiers zoals acquisities, desinvesteringen, strategische allianties en de uitvoering en de opvolging daarvan. Het Comité werd opgericht bij beslissing van de Raad van Bestuur op 12 december 2007. Voorzitter is de heer Julien De Wilde, leden zijn de Voorzitters van de andere bestaande Comités. Sedert 1 mei 2010 maakt ook Jo Cornu deel uit van dit Comité.
Er waren drie vergaderingen in 2010.
| Naam | Raad | AC | NRC | SC |
|---|---|---|---|---|
| Dhr. Julien De Wilde | 10/10 | 5/5 | 3/3 | |
| Dhr. Christian Reinaudo1 | 8/10 | |||
| Dhr. Michel Akkermans | 9/10 | 4/5 | ||
| Dhr. Jo Cornu2 | 10/10 | 3/5 | 2/5 | 2/3 |
| Dhr. Willy Duron | 10/10 | 5/5 | 2/3 | |
| Dhr. Horst Heidsieck | 9/10 | 4/5 | ||
| Dhr. Roland Junck | 6/10 | 2/5 | ||
| Dhr. Christian Leysen | 7/10 | 5/5 | 3/3 |
(1) Bestuurder sedert 27 april 2010.
(2) Lid van het Auditcomité, Benoemings- en Remuneratiecomité en Strategisch Comité sedert 1 mei 2010.
CEO en Executive Committee (Exco) Het uitvoerend management van de Vennootschap werd toevertrouwd aan een gedelegeerd bestuurder/ CEO, (sedert 1 mei 2010 CRBA Management BVBA, met als vaste vertegenwoordiger de heer Christian Reinaudo), die wordt bijgestaan door een Exco. Samen vormen zij het Executive Management. De CEO is belast met de uitvoering van het ondernemingsbeleid en de strategie bepaald door de Raad van Bestuur. Hij ontving bijgevolg de meest uitgebreide bevoegdheden inzake dagelijks bestuur en een aantal specifieke bijzondere volmachten. Deze bevoegdheden zijn in extenso opgenomen in het Corporate Governance Charter.
De CEO brengt regelmatig verslag uit over zijn werkzaamheden en over de evolutie van de dochtervennootschappen en van de deelnemingen, teneinde de Raad van Bestuur de mogelijkheid te geven hierop controle uit te oefenen.
Mercodi BVBA, met als vaste vertegenwoordiger de heer Jo Cornu, heeft op de vergadering van de Raad van Bestuur van 9 februari 2010 meegedeeld zijn mandaat als Gedelegeerd Bestuurder/CEO van de Vennootschap neer te leggen met ingang van 1 mei 2010.
Tijdens de Raad van Bestuur van 27 april 2010 werd beslist om met ingang van 1 mei 2010 CRBA Management BVBA, met als vaste vertegenwoordiger de heer Christian Reinaudo, te benoemen als gedelegeerd bestuurder/CEO van de Vennootschap.
Sedert 1 mei 2010 is het Exco samengesteld als volgt:
Agfa's Executive Management is verantwoordelijk voor de interne controle- en risicosystemen van de Groep, inclusief die m.b.t. financiële rapportering, zoals goedgekeurd door de Raad van Bestuur. De interne controle op de financiële rapportering behelst de beoordeling van de relevante risico's en de identificatie van en het toezicht op kerncontroles en acties die genomen worden ter correctie van gebreken wanneer die geïdentificeerd worden. Het
Auditcomité beoordeelt de effectiviteit van de systemen voor interne controle en risicobeheer.
Agfa's controleomgeving bestaat uit centrale finance-functies zoals consolidatie en rapportering, belastingen, treasury en investor relations enerzijds en uit finance-functies op het niveau van de drie businessgroepen anderzijds. Alle finance-functies rapporteren (on)rechtstreeks aan de Chief Financial Officer. Alle Groepsentiteiten volgen de uniforme centrale boekhoudkundige regels en rapporteringsvereisten die zijn beschreven in Agfa's Corporate Controlling and Accounting Manual.
Gebaseerd op maandelijkse beoordelingsvergaderingen met de centrale functies en met het management van de businessgroepen, heeft het Executive Management een proces in gebruik om op regelmatige basis de risico's, inclusief de risico's m.b.t. het financiële rapporteringsproces, te identificeren, beoordelen en op te volgen. Het rapporteert het Auditcomité over deze risico's. Deze risico's worden geëvalueerd door het Auditcomité, dat verdere acties kan definiëren voor het Executive Management.
Elke businessgroep is verantwoordelijk voor het controleren van de financiële prestaties en verwachtingen. Elke businessgroep rapporteert maandelijks aan het Executive Management. Het consolidatieproces, gebaseerd op meer uitgebreide rapportering, wordt elk kwartaal uitgevoerd. Het wordt beoordeeld door het Executive Management en het Auditcomité, die acties kunnen definiëren voor de businessgroepen en de centrale functies.
Alle entiteiten gebruiken uniforme centrale rapporteringstools en rapporteren in overeenstemming met de instructies en de rapporteringsrichtlijnen opgesteld door de centrale rapporteringsafdeling. Financiële informatie (inclusief key performance indicators) worden op een consistente basis voorbereid voor elke businessgroep en op het geconsolideerde niveau. Ze worden gecontroleerd door de aangewezen verantwoordelijke. Het Executive Management rapporteert het Auditcomité regelmatig over alle key risk factors.
Een van de verantwoordelijkheden van de afdeling Corporate Controlling and Accounting is de verbetering van de procedures die gebruikt worden voor de voorbereiding en verwerking van financiële informatie. Er worden regelmatig controles uitgevoerd op de belangrijkste controleprocedures in de voorbereiding van financiële informatie in de dochterondernemingen en op Groepsniveau om te verzekeren dat de instructies en richtlijnen over financiële rapportering correct worden toegepast.
Interne Audit ziet toe op de controle van interne beleidslijnen, richtlijnen en controles m.b.t. financiële rapportering en operationele aspecten, zoals verkoop, productie en R&D. Interne Audit rapporteert aan het
Auditcomité, dat toeziet op de doeltreffendheid.
De Secretaris van de Vennootschap werd benoemd tot compliance officer om de naleving te controleren van de beleidslijnen van de Vennootschap inzake de voorkoming van handel met voorkennis en marktmanipulatie door de Bestuurders en andere welbepaalde personen.
De voornaamste elementen en kenmerken van het evaluatieproces voor de Raad van Bestuur en de Comités betreffen de beoordeling over de wijze waarop de Raad van Bestuur en de Comités werken, het nagaan of belangrijke onderwerpen grondig worden voorbereid en besproken, de beoordeling van de werkelijke bijdrage van elke bestuurder en zijn betrokkenheid bij de bespreking en besluitvorming. Het volledige evaluatieproces wordt in extenso uiteengezet in de hoofdstukken 3, 4 en 5 van het eerder vermelde Corporate Governance Charter.
In 2010 vond er op initiatief van de Voorzitter van de Raad van Bestuur en in samenwerking met de Voorzitter van het Benoemingsen Remuneratiecomité een intern evaluatieproces plaats waarbij er contacten werden gelegd met de leden van de Raad van Bestuur en van het Executive Management om enerzijds de werking van de Raad en het Executive Management (zowel individueel als als college) en anderzijds de samenwerking en de relatie tussen beide colleges te evalueren.
De criteria die in overweging genomen werden tijdens de evalutie betroffen zowel de omvang, de samenstelling en de performantie van de Raad van Bestuur en de Comités als de kwaliteit van de interactie tussen Raad van Bestuur en Executive Management. De resultaten werden enerzijds bepaald op basis van de
antwoorden die gegeven werden op een vragenlijst (bestaande uit een zeventigtal vragen onderverdeeld in een tiental hoofdstukken), en anderzijds de feedback die gegeven werd tijdens individuele gesprekken.
De voorstellen van de Raad van Bestuur aan de Algemene Aandeelhoudersvergadering m.b.t. de besteding en verdeling van het resultaat houden rekening met verscheidene factoren, zoals de financiële situatie van de Vennootschap, de resultaten uit bedrijfsactiviteiten, de huidige en verwachte kasstromen en de expansieplannen.
Agfa-Gevaert stelde reeds onmiddellijk na de beursgang in 1999, overeenkomstig haar principes en waarden, een Verhandelingscode (Code of Dealing) op. Die Code bevat de regels die door de bestuurders en het senior management moeten worden nageleefd in het geval zij financiële instrumenten willen verhandelen van de Vennootschap. De Code verbiedt voormelde personen o.m. om te handelen gedurende welomschreven periodes voor de bekendmaking van haar financiële resultaten en voor de bekendmaking van andere koersgevoelige informatie. Agfa-Gevaert heeft in het licht van de Wet van 2 augustus 2002 en het KB van 5 maart 2006 betreffende marktmisbruik, de voormelde Code aangepast om ze in overeenstemming te brengen met de huidige wettelijke reglementering ter zake.
De aangepaste versie van de Code bevindt zich op de website en op het intranet van de Vennootschap als onderdeel van het Corporate Governance Charter.
De commissaris van Agfa-Gevaert NV is KPMG, bedrijfsrevisoren, vertegenwoordigd door de heren Filip De Bock en Erik Clinck. De commissaris werd op de jaarvergadering van 27 april 2010 herbenoemd voor een periode van drie jaar. Zijn mandaat loopt dan ook ten einde onmiddellijk na de Jaarvergadering van 30 april 2013.
De honoraria in verband met diensten geleverd door KPMG bedroegen in 2010 wereldwijd 3.340.819 euro. Hiervan heeft 1.883.408 euro betrekking op audit-honoraria voor het nazicht van de jaarrekeningen, 542.417 euro op andere controleopdrachten, 146.347 euro op prestaties in verband met belastingen en 768.647 euro voor andere prestaties buiten de revisorale opdrachten.
Op de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 21 mei 2010 werd aan de Raad van Bestuur de toelating gegeven om – in een of meerdere malen – over te gaan tot de verhoging van het maatschappelijk kapitaal. In zijn zitting van 18 oktober 2010 besliste de Raad om van dit recht gebruik te maken. De vaststelling van de totstandkoming van de kapitaalsverhoging in het kader van het toegestaan kapitaal gebeurde op 12 november 2010. Alle 42.962.760 nieuwe aandelen, werden geplaatst aan een intekenprijs van 3,45 euro, voor een totaal bedrag van 148.221.522 euro. Sedert deze kapitaalsverhoging bedraagt het maatschappelijk kapitaal van de Vennootschap dan ook 186.794.611 euro, vertegenwoordigd door 171.851.042 aandelen.
Op grond van de informatie waarover de Vennootschap beschikt ingevolge transparantieverklaringen die overeenkomstig de wettelijke en statutaire bepalingen ter zake werden ontvangen, zijn de belangrijkste aandeelhouders op dit ogenblik:
Aangezien de Vennootschap momenteel in het bezit is van 2,39% eigen aandelen, ligt de free float momenteel tussen 72,61% en 83,61%.
Agfa-Gevaert NV (Ondernemingsnummer 0404.021.727, Rechtspersonenregister Antwerpen) is een naamloze vennootschap naar Belgisch recht, opgericht op 10 juni 1964. De maatschappelijke zetel van de Vennootschap is gevestigd
in de Septestraat 27, 2640 Mortsel, België.
De volledige en becommentarieerde financiële gegevens zijn beschikbaar op de website, www.agfa.com, of verkrijgbaar bij de Vennootschap.
Informatie met betrekking tot de milieuaspecten is terug te vinden in het duurzaamheidsverslag van de Groep dat om de twee jaar gepubliceerd wordt en waarvan – naast een korte samenvatting in dit jaarverslag – eveneens een jaarlijkse update op de website gepubliceerd wordt.
De statuten van de Vennootschap liggen ter inzage bij de Griffie van de Rechtbank van Koophandel van Antwerpen (België) en op de maatschappelijke zetel. Ze zijn ook terug te vinden op de website, www.agfa.com. Het Corporate Governance Charter en de Verhandelingscode (Code of Dealing) kunnen worden geraadpleegd op de Investor Relations pagina van de website, www.agfa.com.
De jaarrekeningen worden neergelegd bij de Nationale Bank van België. De jaarrekeningen worden elk jaar, samen met de bijbehorende verslagen, toegezonden aan de aandeelhouders op naam en eenieder die erom verzoekt. Jaarverslagen met de enkelvoudige en geconsolideerde jaarrekening, inclusief het verslag van de commissaris, zijn consulteerbaar op de website www.agfa.com en kunnen worden ingezien op de maatschappelijke zetel.
De oproeping voor de Algemene Aandeelhoudersvergaderingen wordt gepubliceerd in de financiële pers en is tevens beschikbaar op de website. Inzake financiële berichtgeving worden de financiële resultaten en de overige verplichte informatie gepubliceerd op de website van de Vennootschap, in overeenstemming
met de richtlijnen van de Commissie voor het Bank-, Financie- en Assurantiewezen (CBFA).
De besluiten betreffende de benoeming en het ontslag van de leden van de Raad van Bestuur worden bekendgemaakt in de Bijlagen tot het Belgisch Staatsblad.
Iedere geïnteresseerde kan zich gratis registreren op www.agfa.com om de persberichten en de verplichte financiële informatie per e-mail te ontvangen.
Het jaarverslag is op de website, www.agfa.com, beschikbaar in het Nederlands en het Engels.
Het BRC komt minimum drie (3) keer per jaar samen om o.m. voorstellen aan de Raad van Bestuur uit te werken omtrent het remuneratiebeleid en -niveau voor Bestuurders en leden van het Executive Management.
De remuneratiecriteria beogen het aantrekken, behouden en motiveren van Bestuurders en leden van het Executive Management die voldoen aan het profiel bepaald door de Raad van Bestuur.
De remuneratie van niet-uitvoerende Bestuurders houdt rekening met hun algemene rol van lid van de Raad van Bestuur en met specifieke rollen als Voorzitter van de Raad van Bestuur, Voorzitter of lid van een Comité van de Raad van Bestuur, evenals hun verantwoordelijkheden en tijdsbesteding die daaruit voortvloeien.
Het BRC bepaalt het niveau en de structuur van de remuneratie van de leden van het Executive Management in functie van het aantrekken, behouden en motiveren van gekwalificeerde en deskundige professionelen, rekening houdend met de aard en draagwijdte van hun individuele verantwoordelijkheden.
Het momenteel gevoerde beleid wordt in extenso beschreven in het Corporate Governance Charter (onder items 3.8 en 4.7).
Er is geen automatische aanpassing van de vergoedingen voorzien, doch ze worden regelmatig herbekeken om na te gaan of ze nog conform zijn aan het beleid. De laatste aanpassing voor de leden van de Raad van Bestuur dateert van de Jaarvergadering van 2006. De vergoeding van de Voorzitter werd vastgelegd bij zijn benoeming in 2008.
Er wordt een vaste jaarlijkse standaardvergoeding voorzien die verschilt voor de vergaderingen van de Raad van Bestuur enerzijds en de vergaderingen van de Comités anderzijds. Tevens wordt er een onderscheid gemaakt tussen de vergoeding van de Voorzitter en deze van de leden. Deze vergoeding dekt een vooraf bepaald aantal vergaderingen. Bij overschrijding op individuele basis, wordt er een bijkomende vergoeding per bijkomende vergadering voorzien.
Volgende jaarlijkse vaste standaardvergoedingen worden voorzien:
| Raad van Bestuur (voor maximaal 7 vergaderingen per kalenderjaar) | |
|---|---|
| Voorzitter* | 180.000 euro |
| Leden | 50.000 euro |
| AC (voor maximaal 5 vergaderingen per kalenderjaar): | |
| Voorzitter | 25.000 euro |
| Leden | 12.500 euro |
| BRC (voor maximaal 3 vergaderingen per kalenderjaar) | |
| Voorzitter | 15.000 euro |
| Leden | 7.500 euro |
| SC | |
| Voorzitter | geen vergoeding voorzien |
| Leden | geen vergoeding voorzien |
| Variabele vergoeding | |
van 2.500 euro voor elke vergadering bovenop het maximale aantal van 7, 5 of 3 per kalenderjaar, afhankelijk of het de vaste vergoeding voor de Raad van Bestuur, het AC of BRC betreft;
aangezien de doelstelling, verbonden aan het financieel resultaat over 2010, behaald werd, komen ook de leden van de Raad van Bestuur, net als de leden van het Executive Management, uitzonderlijk in aanmerking voor het 'Long Term Incentive Plan' (LTI).
* Deze vergoeding is allesomvattend; ze omvat ook de vergoeding voor het mandaat in het BRC en het SC alsook eventuele variabele vergoedingen zoals van toepassing bij overschrijding van het maximum aantal vergaderingen.
De jaarlijkse individuele remuneratie toegekend aan de leden van de Raad van Bestuur (zowel uitvoerende als nietuitvoerende) voor de uitoefening van hun mandaat in 2010 is als volgt:
| euro | Raad van Bestuur | Comités | LTI | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Dhr. Michel Akkermans1 | 55.000,00 | 10.000,00 | 40.838,00 | 105.838,00 |
| Dhr. Christian Reinaudo2 | 35.833,33 | 0,00 | 0,00 | 35.833,33 |
| Dhr. Jo Cornu3 | 57.500,00 | 20.000,00 | 33.275,00 | 110.775,00 |
| Dhr. Julien De Wilde4 | 180.000,00 | 0,00 | 108.900,00 | 288.900,00 |
| Dhr. Willy Duron | 57.500,00 | 25.000,00 | 49.913,00 | 132.413,00 |
| Dhr. Horst Heidsieck5 | 55.000,00 | 12.500,00 | 39.325,00 | 106.825,00 |
| Dhr. Roland Junck | 50.000,00 | 12.500,00 | 42.350,00 | 104.850,00 |
| Dhr. Christian Leysen | 50.000,00 | 20.000,00 | 45.375,00 | 115.375,00 |
| Totaal | 540.833,33 | 100.000,00 | 359.976,00 | 1.000.809,33 |
(1) Vaste vertegenwoordiger voor Pamica NV
(2) Vaste vertegenwoordiger voor CRBA Management BVBA
(3) Uitvoerend bestuurder en vaste vertegenwoordiger voor Mercodi BVBA
(4) Vaste vertegenwoordiger voor De Wilde J Management BVBA
(5) Vaste vertegenwoordiger voor Value Consult Management- und Unternehmensberatungsgesellschaft mbH
De Raad van Bestuur heeft na de Jaarvergadering van 27 april 2010 CRBA Management BVBA, vertegenwoordigd door de heer Christian Reinaudo, in opvolging van Mercodi BVBA, vertegenwoordigd door de heer Jo Cornu, aangesteld als Gedelegeerd Bestuurder/CEO. De overeenkomst met Mercodi BVBA noch deze van CRBA Management BVBA voorziet een automatische aanpassing. Deze vergoeding wordt regelmatig herbekeken, teneinde na te gaan of ze nog conform is aan het beleid.
De vergoeding van de CEO, Mercodi BVBA, vertegenwoordigd door de heer Jo Cornu, werd in 2010 aangepast. De vaste vergoeding op jaarbasis bedraagt 1.387.500 euro. Er werd eveneens een jaarlijkse variabele vergoeding voorzien van 'on target' 462.500 euro. De vaste jaarlijkse vergoeding van de CEO, CRBA Management BVBA, vertegenwoordigd door de heer Christian Reinaudo, werd vastgelegd op 1.136.800 euro. Deze vergoeding bevat ook bestuurdersvergoedingen van de heer Reinaudo, vanwege mandaten in enkele Agfadochtermaatschappijen. Er werd eveneens een jaarlijkse variabele vergoeding voorzien van 'on target' 435.500 euro.
Voor wat de CEO-vergoeding over 2010 betreft, hebben zowel Mercodi BVBA, vertegenwoordigd door de heer Jo Cornu, als CRBA Management BVBA, vertegenwoordigd door de heer Christian Reinaudo, een inspanning geleverd in het kader van de bijzondere regeling Deeltijds Werken. Zoals andere personen die voltijds bleven werken, heeft ook de CEO over een periode van 4, respectievelijk 8 maanden, 5% van zijn vaste en variabele vergoeding ingeleverd.
De variabele vergoeding van Mercodi BVBA was afhankelijk van individuele doelstellingen.
De variabele vergoeding van CRBA Management BVBA is afhankelijk van de volgende parameters:
Mercodi BVBA, vertegenwoordigd door de heer Jo Cornu, komt, in zijn hoedanigheid van CEO, ook in aanmerking voor een éénmalige variabele vergoeding in het kader van het LTI-plan.
Voor 2010 bedraagt de CEO-vergoeding: voor Mercodi BVBA (januari - april):
voor CRBA Management BVBA (mei - december):
Er is geen automatische aanpassing van de vergoedingen voorzien, wel worden deze vergoedingen regelmatig herbekeken teneinde na te gaan of ze nog conform zijn aan het beleid.
In 2010 werden in dit verband de vergoeding van de Presidenten van Agfa Graphics en Agfa Materials aangepast.
De globale vaste brutoremuneratie voor het Exco (met inbegrip van de heer Christian Reinaudo voor de periode januari – april) bedroeg in 2010 1.736.196,42 euro (exclusief patronale sociale bijdragen). De totale jaarlijkse 'on target' variabele vergoeding bedroeg
888.409,33 euro, en bedraagt in de regel 50% van de vaste brutovergoeding en, bijgevolg, ongeveer 25% van de totale jaarlijkse remuneratie. De leden van het Exco hebben, zoals andere personen die voltijds bleven werken, over heel het jaar 5% van hun vaste en variabele vergoeding ingeleverd.
De uitbetaling van deze variabele vergoeding is afhankelijk van de volgende parameters:
Voor 2010 bedraagt de globale variabele vergoeding 907.831.18 euro (exclusief patronale sociale bijdragen). Voor sommige leden van het Exco wordt een gedeelte, afhankelijk van hun persoonlijke situatie, omgezet in een pensioenpremie. Voor de leden van het Exco werden pensioenbijdragen betaald voor een bedrag van 350.675,56 euro en 55.005,73 euro onder de vorm van voordelen in natura. Ook de leden van het Exco komen in aanmerking voor een eenmalige
variabele vergoeding in het kader van het LTI-plan. Deze bedroeg 566.118,76 euro voor alle Exco leden samen (met inbegrip van de heer Christian Reinaudo).
De voordelen in natura, die kunnen verschillen van lid tot lid, omvatten: een home PC, een bedrijfswagen, het ter beschikking stellen van huisvesting (appartement), een representatievergoeding en diverse verzekeringen (bestuurdersaansprakelijkheid, reisbijstand, hospitalisatie, privé-ongevallen).
Er werden in 2010 geen opzegvergoedingen betaald aan het Executive Management.
De 'change of control' regeling die de heer Christian Reinaudo had in zijn overeenkomst met Agfa HealthCare N.V. werd opgeheven.
Er werden noch aan de CEO, noch aan de leden van het Exco, aandelen toegekend als onderdeel van hun remuneratie.
Voor 2010 heeft de Raad van Bestuur ervoor geopteerd, zoals in vorige jaren, geen opties aan het Executive Management toe te kennen.
Het aantal aandelenopties of andere rechten om aandelen te verwerven dat werd toegekend aan de leden van het Executive Management, bedraagt per eind 2010 :
| 2002 | 2003 | 2004 | 2005 | 2006 | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| uitoefenpri js (euro) |
18,00 | 18,27 | 19,95 | 22,57 | 18,60 | |
| Dhr. Albert Follens | 19.000 | 16.350 | 20.000 | 22.000 | 24.000 | 101.350 |
| Dhr. Stefaan Vanhooren | 6.300 | 8.650 | 8.500 | 22.000 | 30.000 | 75.450 |
| Totaal | 25.300 | 25.000 | 28.500 | 44.000 | 54.000 | 176.800 |
Er werd in 2010 ook geen andere 'Long Term Incentive' aan het Executive Management toegekend.
Zoals elke onderneming wordt Agfa geconfronteerd met markt- en concurrentierisico's. De traditionele beeldvormingsactiviteiten in zowel Graphics als HealthCare hebben af te rekenen met snelle technologische veranderingen. Ze werden in het verleden ook gekenmerkt door prijserosie.
De economische crisis heeft, net zoals voor onze concurrenten, ook gevolgen voor de vraag naar onze producten. Dit is in de eerste plaats het geval voor investeringsgoederen. Maar voor Agfa Graphics en Agfa Specialty Products heeft de crisis ook een negatieve invloed op de vraag naar verbruiksgoederen. Voorts introduceert Agfa ook een groot aantal nieuwe technologieën, zoals industriële inkjetsystemen in Graphics en systemen voor Computed Radiography en Digital Radiography en informatiesystemen in HealthCare. De markt voor digitale beeldvorming en informatietechnologie waarin Agfa meer en meer actief is, is uiterst competitief en onderhevig aan snelle veranderingen.
Agfa doet een beroep op andere ondernemingen voor de levering van bepaalde basisgrondstoffen. De belangrijkste grondstoffen zijn aluminium en zilver. Wijzigingen in de grondstofprijzen en het niet tijdig ontvangen van de nodige grondstoffen zouden Agfa's bedrijfsvoering, bedrijfsresultaten en financiële toestand negatief kunnen beïnvloeden. Voorts kan Agfa ervoor opteren om een deel of het geheel van zijn afhankelijkheid van de grondstofprijzen in te dekken, wanneer het dit opportuun acht.
De activiteiten van de Groep kunnen Agfa blootstellen aan vorderingen voor productaansprakelijkheid. Vooral op het vlak van de HealthCare-activiteiten, volgt Agfa verscheidene regulatorische systemen in verschillende landen. Om het risico van vorderingen in verband met productaansprakelijkheid te beperken, heeft Agfa een strikt beleid op het vlak van kwaliteit en kwaliteitscontrole ingevoerd en heeft het een algemene verzekeringspolis afgesloten. Agfa heeft nooit aanzienlijke verliezen geleden met betrekking tot vorderingen op het vlak van productaansprakelijkheid, maar er kan geen zekerheid bestaan dat dit in de toekomst nooit zal voorvallen.
Agfa is onderworpen aan verscheidene milieuvereisten in de verschillende landen waarin het actief is, inclusief de vereisten in verband met luchtverontreiniging, lozing van afvalwater, beheer van gevaarlijke stoffen, het voorkomen van het lekken van stoffen en sanering. Agfa doet aanzienlijke bedrijfs- en kapitaaluitgaven om de toepasselijke normen te respecteren. Huidige en redelijkerwijze te voorziene kosten voor het naleven van wettelijke voorschriften en voor sanering zijn gedekt.
Agfa bezit, heeft aanvragen in behandeling voor en heeft licenties voor tal van patenten die betrekking hebben op een veelheid van producten en softwaresystemen. De onderneming vertrouwt op een combinatie van octrooi-, auteursen merkenrecht en de wetten op
handelsmerken en geheimen, vertrouwelijkheidsprocedures, handelsgeheimen, contractuele bepalingen en licentieregelingen om de eigendomsrechten vast te leggen en te beschermen.
Anderzijds voert de Groep een beleid dat erop gericht is de intellectuele eigendomsrechten van derden strikt te respecteren.
Hoewel Agfa er zich niet van bewust is dat er producten de intellectuele eigendomsrechten van anderen schenden, is het niet uitgesloten dat derden in de toekomst zulke inbreuken niet kunnen claimen.
Agfa is momenteel niet betrokken in enig belangrijk geschil, met uitzondering van de geschillen in verband met de insolventie van AgfaPhoto. Deze geschillen worden in detail behandeld in voetnoot 16 p.107, voetnoot 24 p.123 en voetnoot 26 p.126 bij de geconsolideerde jaarrekening.
Verder zijn er risico's die een negatieve invloed op de onderneming en haar activiteiten kunnen hebben en waarmee dus rekening moet worden gehouden. Voorbeelden hiervan zijn onder meer risico's in verband met de continuïteit van de productie, bijzondere waardeverminderingen op vaste activa, pensioenverplichtingen, wisselkoersschommelingen en overnames. Meer informatie hierover vindt u in het prospectus dat naar aanleiding van de uitgifte van nieuwe aandelen eind 2010 werd gepubliceerd. Dit prospectus kan worden geraadpleegd op de Investor Relations-sectie van de website van de Groep onder de rubriek Capital Increase.
Verklaring over het getrouwe beeld overeenkomstig het KB van 14 november 2007
De Raad van Bestuur en het Executive Management van Agfa-Gevaert NV, vertegenwoordigd door de heer Julien De Wilde, Voorzitter van de Raad van Bestuur, de heer Christian Reinaudo, President en Chief Executive Officer, en de heer Kris Hoornaert, Chief Financial Officer, verklaren hierbij dat, voor zover hen bekend,
De Raad van Bestuur van Agfa-Gevaert NV verklaart hierbij dat het Jaarverslag 2010 is opgesteld in overeenstemming met artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007. In verband hiermee licht de Raad van Bestuur toe dat:
Agfa beschouwt duurzaam ondernemen als een zakelijke aanpak die voor alle belanghebbenden meerwaarde op de lange termijn creëert. Het is Agfa's missie om de partner bij uitstek te zijn voor beeldvorming- en informatiesystemen door het aanbieden van toonaangevende technologie en nieuwe manieren van werken. Een belangrijk criterium voor de succesvolle implementatie van deze missie is het vermogen om winstgevend te zijn in harmonie met de verwachtingen van Agfa's belanghebbenden op het vlak van milieu en van sociale aangelegenheden.
Agfa publiceert om de twee jaar een duurzaamheidsverslag met informatie over zijn activiteiten op dit vlak. Andere jaren wordt het verslag aangevuld met een tussentijdse update. Het verslag biedt een overzicht van Agfa's strategieën en activiteiten en van de vooruitgang op het vlak van duurzaam ondernemen. Het wordt gepubliceerd op Agfa's website: www.agfa.com.
Agfa hecht veel belang aan het behoud van de natuurlijke rijkdommen, aan het veilige opereren van zijn faciliteiten en aan het beperken van de milieu-effecten van zijn activiteiten. Het bewijs voor deze inspanningen wordt gevormd door de afname van het specifieke waterverbruik, van de uitstoot in de lucht en van het volume gevaarlijk afval.
Agfa blijft investeren in projecten die de milieu-impact verder verminderen. Voorbeelden zijn de investeringen in biologische waterzuivering met hergebruik van het water, in energieopwekking met een warmtekracht-koppelingcentrale en in de vernieuwing van installaties om de uitstoot in water en lucht terug te dringen.
Het totale productievolume groeide met 3,7% tegenover 2009 door een toename in de drukplaatproductie in de businessgroep Agfa Graphics. De productie van fotografische film en daaraan verbonden chemicaliën voor alle businessgroepen daalde met ongeveer 1%.
Agfa slaagde goed in de verwezenlijking van zijn milieudoelstellingen. De onderneming presteerde beter voor de meeste van de specifieke milieu-indicatoren.
Het totale waterverbruik nam af met bijna 2% ondanks het verhoogde productievolume. Hierdoor daalde ook het specifiek waterverbruik. Het verbruik van proceswater daalde sterk in Vallese (Italië) door de verbeterde productie-efficiëntie. Het verbruik van koelwater verminderde aanzienlijk door de verhuizing van de Wuxi-vestiging (China).
De specifieke vuilvracht van het afvalwater verhoogde tegenover 2009 door de toename van het Chemisch Zuurstofverbruik (CZV). Deze toename had te maken met de verhoogde recyclage van Drystar-film.
De uitstoot van aluminiumzouten naar het afvalwater vertoont een stijgende trend. De investeringen in apparatuur die in 2011 worden gedaan moeten resulteren in een vermindering van de uitstoot.
De specifieke CO2 -emissies stegen met 1,6% tengevolge van een verandering in de productmix in de Belgische vestigingen naar meer energie-intensieve producten en tengevolge van een beduidend langere winterperiode.
De specifieke uitstoot in de lucht, exclusief de CO2 -uitstoot, bleef stabiel ten opzichte van 2009.
De uitstoot van vluchtige organische stoffen (VOS) nam toe in België door veranderingen in de productmix waarbij het aandeel van de digitale producten belangrijker werd en het gebruik van solventen steeg.
Anderzijds werd deze toename tenietgedaan door de vermindering van de VOS-uitstoot in Suzano (Italië). Deze vermindering is toe te schrijven aan de verbetering van de efficiëntie van de regeneratieve thermische naverbrander. De specifieke VOS-uitstoot is hierdoor lager dan in 2009. In specifieke waarde daalt deze uitstoot constant sinds 2005. Een bewijs van de zorg die Agfa besteedt aan het beperken van de milieu-impact van zijn activiteiten.
Het totale afvalvolume verhoogde sterker dan verwacht kon worden op basis van de productievolumes. Bijgevolg verhoogde ook het specifieke afvalvolume. Dit is volledig toe te schrijven aan de sterk toegenomen stortingen van aluminiumbezinksel. Aluminiumbezinksel wordt zoveel mogelijk gerecycleerd tot bruikbare producten. De volatiliteit van de vraag in deze markten zorgt ervoor dat de hoeveelheid gestort bezinksel sterk kan variëren.
In 2010 bestond minder dan een vierde van het totale afvalvolume uit gevaarlijk afval. Vroeger was dat eerder een derde. In specifieke waarde vertoont het volume gevaarlijk afval een continu dalende trend sinds 2005.
Het energieverbruik steeg met 3,5%, wat licht lager is dan wat verwacht kon worden op basis van de productievolumes. In specifieke waarde bleef het energieverbruik daardoor nagenoeg constant.
Alleen Mortsel maakte melding van milieu-incidenten. Het ging veelal om inbreuken op de afvalwatervergunning. Er werden geen boetes gerapporteerd. Mortsel meldde ook als eninge een aantal klachten van omwonenden.
Deze klachten hadden vooral betrekking op geluidshinder. Een aantal kleinere investeringen en maatregelen moeten ertoe leiden dat deze ongemakken vermeden kunnen worden.
Agfa blijft investeren in projecten voor de vermindering van de impact van zijn activiteiten op het milieu. Zo wordt onder meer geïnvesteerd in biologische waterzuivering met hergebruik van water en in eigen energieproductie. In 2011 zal Agfa een tweede moderne warmtekrachtkoppelingcentrale in gebruik nemen.
Agfa investeert tijd, geld en inspanningen in het aangaan van sterke en duurzame relaties met de gemeenschappen waarin het actief is. In veel van de landen waarin Agfa actief is, wordt de onderneming geconfronteerd met sociale, economische en milieugebonden uitdagingen, die buiten het normale bereik van de bedrijfsactiviteiten vallen.
Agfa streeft ernaar een tastbaar verschil te maken in het leven van mensen, door zich actief te engageren in het oplossen van problemen, door de levenskwaliteit in lokale gemeenschappen te verbeteren en door anticiperend met groepen belanghebbenden om te gaan.
De Agfa-Gevaert Groep steunt tevens Agfa Aid, een organisatie van Agfa-medewerkers die zich vrijwillig inzetten voor het goede doel. De missie van Agfa Aid is het steunen van kleinschalige projecten, vooral gericht op kinderen.
In deze projecten zijn Agfamedewerkers rechtstreeks betrokken. Agfa Aid zamelt geld in via benefietconcerten en donaties.
Agfa Aid heeft projecten over de hele wereld:
p Talmid (Roemenië): onderwijsondersteuning Roma-zigeuners.
p Azia (Nigeria): ondersteuning voor de bouw van een school.
In de huidige snel veranderende bedrijfsomgeving is de mogelijkheid om te leren en snel nieuwe vaardigheden te verwerven van cruciaal belang voor het behouden van een voorsprong op de concurrentie en het waarborgen van toekomstige groeimogelijkheden. Alle werknemers dienen daarom de mogelijkheid te hebben zich permanent te blijven ontwikkelen en nieuwe vaardigheden aan te leren.
Daartoe heeft Agfa een brede reeks beleidsmaatregelen, programma's en activiteiten ingevoerd.
'Employability', ofwel inzetbaarheid, zowel vanuit bedrijfs- als persoonlijk oogpunt, is een belangrijk # Dankzij de nieuwe waterzuiveringsinstallatie zal Agfa in staat zijn om maar liefst 40% van het productiewater in het productieproces te herbruiken.
doel voor het management van Agfa in deze periode van intensieve transformatie van de sector en de bedrijfsactiviteiten.
Agfa streeft ernaar om een werkgever te zijn met duidelijk gedefinieerde en toegepaste normen op het vlak van gezondheid en veiligheid. Het wil hierbij alle wettelijke verplichtingen naleven en zich houden aan de algemene principes van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.
In 2010 groeide de omzet van de Agfa-Gevaert Groep met 7,0% tot 2.948 miljoen euro (2.755 miljoen euro in 2009). Ongeveer de helft van de stijging is toe te schrijven aan Agfa Graphics' joint venture in China en de overname van de Harold M. Pitman Company. De situatie op de wisselmarkten had een positief effect van 3,8% op de omzet van de Groep.
De omzet van de businessgroep Agfa Graphics steeg met 16,7% (12,2% zonder wisselkoerseffecten) tot 1.565 miljoen euro. In de eerste jaarhelft steeg de omzet van drukvoorbereiding aanzienlijk ondanks de sterke concurrentiedruk. De groei was toe te schrijven aan een opleving van de digitale computer-to-plate-business en aan het succes van de businessgroep in de markt van de analoge computer-tofilm. In de tweede jaarhelft werd de omzetgroei van de drukvoorbereidingsactiviteiten gedreven door de overname van de Harold M. Pitman Company en door de opstart van de Agfa Graphics Asia joint venture.
In het segment van de industriële inkjet droegen de stijgende volumes voor apparatuur en inkt bij tot de sterke omzetgroei.
Het grootste deel van Agfa Graphics' omzetgroei komt van de VS en de opkomende landen, terwijl het herstel in de meeste Europese landen trager verliep dan in de rest van de wereld.
Agfa HealthCare's omzet bleef nagenoeg stabiel op 1.180 miljoen euro. Zonder wisselkoerseffecten zou een daling van 3,3% genoteerd zijn. Zoals verwacht kon de groei van de IT-divisie de omzetdaling van de traditionele producten nog
niet compenseren. De businessgroep verwacht het omslagpunt in de loop van de tweede helft van 2011. Binnen het IT-segment presteerde Imaging IT naar verwachting, met sterke groeicijfers in de opkomende markten en groeiende marktaandelen in Noord-Amerika en Europa. De ondernemingsbrede IT deed het goed in het Duitssprekende deel van Europa, waar Agfa HealthCare's ORBIS-systeem al een stevige positie verworven heeft. In Frankrijk, België en Luxemburg zit deze activiteit nog in de investeringsfase. In het Imaging-segment bleef de markt voor traditionele filmproducten krimpen, terwijl Computed Radiography en Direct Radiography goed presteerden.
De omzet van Agfa Specialty Products daalde met 33 miljoen euro, vooral door de verschuiving van een deel van de filmbusiness naar Agfa Graphics en door de marktgedreven daling voor enkele van de Classic Film-producten. De film voor de productie van gedrukte schakelingen presteerde goed.
De nettofinancieringslasten daalden van 114 miljoen euro in 2009 tot 94 miljoen euro, vooral door de aanzienlijke daling van de netto financiële schuld, de lagere interestvoeten en andere niet-operationele resultaten.
De belastingen bedroegen 36 miljoen euro, tegenover 49 miljoen euro in 2009. De kortlopende belastingverplichtingen bedroegen 27 miljoen euro en de uitgestelde belastinglasten 9 miljoen euro.
Het bedrijfsresultaat kwam uit op 234 miljoen euro, tegenover 170 miljoen euro in het voorgaande jaar. De winst voor belastingen bedroeg
140 miljoen euro, tegenover 56 miljoen euro in 2009.
De Groep boekte in 2010 een positief nettoresultaat van 105 miljoen euro – of 0,80 euro per aandeel tegenover 6 miljoen euro – of 0,05 cent per aandeel – in 2009.
In 2010 bedroegen de O&Oinspanningen van de Agfa-Gevaert Groep 153 miljoen euro. 26% hiervan werd besteed door Agfa Graphics, 66% door Agfa HealthCare en 8% door Agfa Specialty Products.
In 2010 investeerde Agfa Graphics verder in de ontwikkeling van UV-inkten en apparatuur voor de groeiende industriële inkjet-markt. Hierbij werden de innovatieprojecten in België en Canada (het vroegere Gandi Innovations) op elkaar afgestemd. De :Jeti 1224 HDC werd geïntroduceerd als de eerste :Jeti-printer die werkt met Agfa's :Anuvia-inkten. Deze inkten worden ook gebruikt in de :M-Press. De :Anapurna 2500 LED is het eerste industriële grootformaatsysteem dat UV-uitharding met LED-technologie mogelijk maakt. Hierdoor kan bespaard worden op energie en is er minder warmteverlies. Voor de :Dotrix-pers werden 'low migration' inkten in zes kleuren ontwikkeld ter uitbreiding van het kleurenscala voor toepassingen op primaire en secondaire voedselverpakkingen. In het segment van de drukvoorbereiding, zette Agfa Graphics zijn O&O-inspanningen voort voor de versterking van zijn leiderspositie op het vlak van de chemievrije drukplaatsystemen. Zo werd met de :N92VCF een stabiele chemievrije
polymeerdrukplaat voor kranten geïntroduceerd die gevoelig is aan violet licht. De drukplaat koppelt de ecologische voordelen van chemievrije systemen aan lage investeringsen bedrijfskosten, grote betrouwbaarheid en hoge snelheid. Agfa Graphics' software :Apogee Suite (voor commerciële drukkers) werd vernieuwd met nieuwe tools voor preflighting en een revolutionaire volautomatische impositiemodule. :Apogee kan nu ook gekoppeld worden aan digitale drukpersen, naast de conventionele druksystemen. Verdere nieuwigheden integreren jobcreatie, aanlevering van content en web-to-print. Agfa Graphics' :Arkitex-softwarepakket (voor krantendrukkers) werd uitgebreid met de integratie tussen de krantendrukkers en hun uitgevers via de :Arkitex Portal-interface.
Agfa HealthCare concentreerde zijn O&O-inspanningen in 2010 op het uitbreiden en versterken van zijn portfolio. Veel aandacht ging uit naar de introductie van een nieuwe generatie systemen voor Computed Radiography (CR), de introductie van een gamma systemen voor Direct Radiography (DR), de uitbreiding van het IMPAX-aanbod naar bijkomende medische vakgebieden, de uitbreiding van de Data Center-oplossingen om tegemoet te komen aan de groeiende vraag naar regionaal beeldbeheer en een verdere upgrade van het toonaangevende ORBIS HIS/CIS-systeem. De businessgroep introduceerde veel van deze oplossingen met succes in 2010. Voorbeelden zijn de DR-systemen DX-D 300 en DX-D 100 en de draagbare DR-detectoren DX-10 en DX-20; de DX-M, een CR-systeem voor mammografie en algemene radiologie; en de IMPAX 6.5-oplossing. In 2010 richtte Agfa HealthCare zijn onderzoek eveneens op nieuwe verbruiksgoederen die
uiteindelijk de omzetdaling moeten compenseren die veroorzaakt wordt door het krimpen van de markt voor traditionele röntgenfilm. Met de overname van Insight Agents en de ontwikkeling van nieuwe generische producten, betrad Agfa HealthCare de markt van de contrastmedia.
Agfa Specialty Products richtte zijn O&O op de ontwikkeling van producten voor groeimarkten, uitgaande van Agfa's kennis op het vlak van polymere materialen, inkten, filmen coatingtechnologie. In 2008 werd Synaps® geïntroduceerd, een op polyester gebaseerd synthetisch papier. Veel aandacht ging uit naar het creëren van een grote variëteit aan toepassingen voor de drukindustrie. In 2010 werd het Synaps-gamma uitgebreid met de introductie van de zelfklevende folies Synaps AP en Synaps AR. Voorts werden membranen voor het scheiden van gassen ontwikkeld. Deze bevinden zich in de eerste commercialiseringsfase. Voor het hoogste segment van de smartcard-markt ontwikkelde en lanceerde Agfa Specialty Products het nieuwe PETix®-gamma. Dit gamma polyesterfilms is compatibel met alle belangrijke technieken voor de personalisatie en beveiliging van smartcards. De geleidende drukpasta's, inkten en coatings voor de elektronica-industrie, gebaseerd op de Orgacon®-technologie werden verder verbeterd. In het segment van de industriële inkjetinkten lag de O&O-focus op de ontwikkeling van UV-inkten voor de verpakkingsindustrie en waterige inkten voor decoratieve toepassingen. In 2010 participeerde Agfa Specialty Products eveneens in een aantal langetermijnonderzoeksprojecten met een pre-competitief karakter.
Om het risico van de wisselkoersen en de interestwijzigingen te minimaliseren worden passende dekkingscontracten ingezet. Daartoe behoren voornamelijk termijnverrichtingen in vreemde munten, optiecontracten en interestswaps.
Het inzetten ervan gebeurt volgens uniforme richtlijnen, is onderworpen aan interne controles en blijft beperkt tot het indekken van de operationele activiteiten en de daarmee verbonden geldbeleggingen en financiële transacties.
Dergelijke gebeurtenissen hebben zich niet voorgedaan.
De volledige informatie, die overeenkomstig artikel 96§ 2 Wb.Venn. in onderhavig jaarverslag dient te worden opgenomen en meer bepaald de verklaring inzake deugdelijk bestuur en de vereisten van artikel 34 van het KB van 14 november 2007, is weergegeven in het geconsolideerde jaarverslag van Agfa-Gevaert onder het hoofdstuk 'Corporate Governance Statement' op de pagina's 35 tot 47, onder het hoofdstuk 'Risciofactoren' op pagina 48 en respectievelijk door referentie daarnaar opgenomen in onderhavig jaarverslag.
Het geconsolideerde jaarverslag is beschikbaar op de website van de vennootschap.
| MILJOEN EURO |
Toelichting | 2010 | 2009 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 4 | 2.948 | 2.755 |
| Kostprijs van verkopen | (1.950) | (1.869) | |
| Brutowinst | 998 | 886 | |
| Verkoopkosten | (394) | (372) | |
| Kosten van onderzoek en ontwikkeling | (153) | (149) | |
| Algemene beheerskosten | (214) | (198) | |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 8 | 336 | 309 |
| Overige bedrijfskosten | 9 | (339) | (306) |
| Winst uit bedrijfsactiviteiten | 234 | 170 | |
| Renteopbrengsten/(-kosten) - netto | (11) | (17) | |
| Renteopbrengsten | 3 | 3 | |
| Rentekosten | (14) | (20) | |
| Overige financiële opbrengsten/(-kosten) - netto | (83) | (97) | |
| Overige financiële opbrengsten | 316 | 146 | |
| Overige financiële kosten | (399) | (243) | |
| Nettofinancieringslasten | 10 | (94) | (114) |
| Winst voor belastingen | 140 | 56 | |
| Winstbelastingen | 11 | (36) | (49) |
| Winst over de verslagperiode | 104 | 7 | |
| Winst toewijsbaar aan: | |||
| Aandeelhouders van de Onderneming | 105 | 6 | |
| Minderheidsbelangen | (1) | 1 | |
| Winst per aandeel (euro) | |||
| Gewone winst per aandeel (euro) | 28 | 0,80 | 0,05 |
| Verwaterde winst per aandeel (euro) | 28 | 0,80 | 0,05 |
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Winst over de verslagperiode | 104 | 7 |
| Niet-gerealiseerde resultaten over de verslagperiode – rechtstreeks opgenomen in het eigen vermogen – na winstbelastingen |
||
| Valutakoersverschillen uit de omrekening van jaarrekeningen van buitenlandse activiteiten | 68 | 24 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op financiële activa beschikbaar voor verkoop: herclassificatie van gerealiseerde verliezen naar de winst- en verliesrekening |
- | 1 |
| Kasstroomafdekkingen: | ||
| Winst/(verlies) over de verslagperiode geboekt in het eigen vermogen | - | 5 |
| Herclassificatie van gerealiseerde winsten naar de winst- en verliesrekening | - | (12) |
| Doorrollen van grondstofcontracten: | ||
| Winst/(verlies) over de verslagperiode geboekt in het eigen vermogen | - | (2) |
| Herclassificatie van gerealiseerde winsten naar de winst- en verliesrekening | - | (1) |
| Totaal van niet-gerealiseerde resultaten opgenomen in het eigen vermogen | 68 | 15 |
| Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten toewijsbaar aan: | 172 | 22 |
| Aandeelhouders van de Onderneming | 172 | 21 |
| Minderheidsbelangen | - | 1 |
| MILJOEN EURO |
Toelichting | 31 december 2010 | 31 december 2009 |
|---|---|---|---|
| ACTIVA | |||
| Vaste activa | 1.253 | 1.236 | |
| Immateriële activa | 12 | 680 | 648 |
| Materiële vaste activa | 13 | 313 | 326 |
| Investeringen | 14 | 14 | 9 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 11 | 246 | 253 |
| Vlottende activa | 1.833 | 1.616 | |
| Voorraden | 15 | 583 | 483 |
| Handelsvorderingen | 16 | 619 | 592 |
| Actuele belastingvorderingen | 68 | 76 | |
| Overige vorderingen en overige vlottende activa | 16 | 295 | 319 |
| Activa aangehouden voor verkoop | 17 | - | 1 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 18 | 239 | 119 |
| Overlopende rekeningen | 19 | 18 | |
| Derivaten | 7 | 10 | 8 |
| TOTAAL ACTIVA | 3.086 | 2.852 | |
| EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | |||
| Eigen vermogen | 19 | 1.063 | 724 |
| Toewijsbaar aan aandeelhouders van de Onderneming | 1.033 | 721 | |
| Maatschappelijk kapitaal | 187 | 140 | |
| Uitgiftepremies | 210 | 109 | |
| Ingehouden winsten | 703 | 820 | |
| Reserves | (68) | (282) | |
| Valutakoersverschillen | 1 | (66) | |
| Toewijsbaar aan minderheidsbelangen | 30 | 3 | |
| Langlopende verplichtingen | 1.053 | 1.263 | |
| Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding | 20 | 559 | 570 |
| Langlopende verplichtingen met betrekking tot het personeel | 14 | 14 | |
| Langlopende rentedragende verplichtingen | 21 | 379 | 553 |
| Langlopende voorzieningen | 24 | 24 | 44 |
| Overlopende rekeningen | 6 | 9 | |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 11 | 71 | 73 |
| Kortlopende verplichtingen | 970 | 865 | |
| Kortlopende rentedragende verplichtingen | 21 | 21 | 11 |
| Handelsschulden | 22 | 246 | 206 |
| Uitgestelde omzet & vooruitbetalingen | 23 | 152 | 123 |
| Actuele belastingverplichtingen | 50 | 44 | |
| Overige te betalen posten | 22 | 182 | 156 |
| Kortlopende verplichtingen met betrekking tot het personeel | 114 | 86 | |
| Kortlopende voorzieningen | 24 | 200 | 234 |
| Overlopende rekeningen | 4 | 3 | |
| Derivaten | 7 | 1 | 2 |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN & VERPLICHTINGEN | 3.086 | 2.852 |
| miljoen EURO | Maatschappelijk kapitaal | Uitgiftepremie | Ingehouden winsten | Eigen aandelen | Herwaarderingsreserve | Reserve voor op aandelen gebaseerde betalingen |
Herwaarderingsreserve | Valutakoersverschillen | TOTAAL | MINDERHEIDSBELANGEN TOEWIJSBAAR AAN |
TOTAAL EIGEN VERMOGEN |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 1 januari 2009 | 140 | 109 | 814 (296) | (1) | 12 | 12 | (90) | 700 | 4 | 704 | |
| Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten over de verslagperiode |
|||||||||||
| Winst/(verlies) over de verslagperiode | - | - | 6 | - | - | - | - | - | 6 | 1 | 7 |
| Niet-gerealiseerde resultaten rechtstreeks opgenomen in het eigen vermogen |
|||||||||||
| Valutakoersverschillen | - | - | - | - | - | - | - | 24 | 24 | - | 24 |
| Reële waardeveranderingen van financiële instrumenten aangeduid als kasstroomafdekkingen (effectieve gedeelte), na belastingen |
- | - | - | - | - | - | (7) | - | (7) | - | (7) |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op financiële activa beschikbaar voor verkoop |
- | - | - | - | 1 | - | - | - | 1 | - | 1 |
| Overige | - | - | - | - | - | - | (3) | - | (3) | - | (3) |
| Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten over de verslagperiode |
- | - | 6 | - | 1 | - | (10) | 24 | 21 | 1 | 22 |
| Transacties met aandeelhouders, verwerkt in het eigen vermogen |
|||||||||||
| Wijzigingen in eigendomsbelangen in dochter ondernemingen – wijziging naar 'equity' methode |
- | - | - | - | - | - | - | - | - | (2) | (2) |
| Totaal van transacties met aandeelhouders | - | - | - | - | - | - | - | - | - | (2) | (2) |
| 31 december 2009 | 140 | 109 | 820 (296) | - | 12 | 2 | (66) | 721 | 3 | 724 | |
| 1 januari 2010 | 140 | 109 | 820 (296) | - | 12 | 2 | (66) | 721 | 3 | 724 | |
| Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten over de verslagperiode |
|||||||||||
| Winst/(verlies) over de verslagperiode | - | - | 105 | - | - | - | - | - | 105 | (1) | 104 |
| Niet-gerealiseerde resultaten rechtstreeks opgenomen in het eigen vermogen |
|||||||||||
| Valutakoersverschillen | - | - | - | - | - | - | - | 67 | 67 | 1 | 68 |
| Reële waardeveranderingen van financiële instrumenten aangeduid als kasstroomafdekkingen (effectieve gedeelte), na belastingen |
- | - | |||||||||
| - | - | - | - | - | - | - | - | - | |||
| Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten over de verslagperiode |
- | - | 105 | - | - | - | - | 67 | 172 | - | 172 |
| Transacties met aandeelhouders, | |||||||||||
| verwerkt in het eigen vermogen Wijzigingen in eigendomsbelangen in dochterondernemingen die niet resulteren in |
|||||||||||
| een verlies van controle Wijzigingen in eigendomsbelangen in dochterondernemingen |
- | - | (5) | - | - | - | - | - | (5) | 28 | 23 |
| Bijdragen door en uitkeringen aan aandeelhouders | |||||||||||
| Kapitaalsverhoging | 47 | 101 | (3) | - | - | - | - | - | 145 | - | 145 |
| Dividenduitkeringen | - | - | - | - | - | - | - | - | - | (1) | (1) |
| Vernietigde eigen aandelen in vorige periodes | - | - | (214) | 214 | - | - | - | - | - | - | - |
| Totaal van transacties met aandeelhouders 31 december 2010 |
47 187 |
210 | 101 (222) 703 |
214 (82) |
- - |
- 12 |
- 2 |
- 1 |
140 1.033 |
27 | 167 30 1.063 |
TOEWIJSBAAR AAN AANDEELHOUDERS VAN AGFA-GEVAERT NV
| MILJOEN EURO |
Toelichting | 2010 | 2009 | |
|---|---|---|---|---|
| Winst uit bedrijfsactiviteiten | 234 | 170 | ||
| Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen | 96 | 103 | ||
| Wijzigingen in de reële waarde van derivaten | - | 4 | ||
| Aanpassing voor andere niet kasopbrengsten | (2) | - | ||
| Verliezen/(winsten) uit de realisatie van vaste activa | 8/9 | (7) | (2) | |
| Negatieve goodwill op overnames | 6 | (4) | - | |
| Wijzigingen in de langlopende voorzieningen | (107) | (116) | ||
| Wijzigingen in de kortlopende voorzieningen | (1) | (23) | ||
| Betaalde belastingen | (25) | (18) | ||
| Daling/(stijging) van de voorraden | (34) | 91 | ||
| Daling/(stijging) van de handelsvorderingen inbegrepen ontvangsten uit securitisatie van handelsvorderingen |
74 | 88 | ||
| Stijging/(daling) van de handelsschulden | (6) | (21) | ||
| Stijging/(daling) van de uitgestelde omzet en ontvangen vooruitbetalingen | 20 | 1 | ||
| Wijzigingen in de overige kortlopende activa en verplichtingen | (3) | (11) | ||
| Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | 235 | 266 | ||
| Investeringen in immateriële activa | 12 | (12) | (7) | |
| Investeringen in materiële vaste activa | 13 | (48) | (34) | |
| Ontvangsten uit de verkoop van immateriële activa | 12 | 3 | 4 | |
| Ontvangsten uit de verkoop van materiële vaste activa | 13 | 6 | 7 | |
| Ontvangsten uit de verkoop van activa aangehouden voor verkoop | 17 | 5 | - | |
| Ontvangsten uit de lease portfolio | 32 | 33 | ||
| Overnames | 6 | (71) | (7) | |
| Ontvangen rente en dividenden | 3 | 2 | ||
| Ontvangsten uit overige investeringsactiviteiten | 6 | - | ||
| Nettokasstromen uit investeringsactiviteiten | (76) | (2) | ||
| Netto uitgifte van leningen | (176) | (255) | ||
| Betaalde rente en dividenden | (15) | (22) | ||
| Kapitaalbijdragen van derden | 145 | - | ||
| Overige financieringskasstromen | (3) | (16) | ||
| Nettokasstromen uit financieringsactiviteiten | (49) | (293) | ||
| Kasstromen tijdens de periode | 110 | (29) | ||
| Impact van wijziging in de consolidatiekring | 6 | - | (7) | |
| Impact van valutakoersverschillen | 10 | 5 | ||
| Wijzigingen in geldmiddelen en kasequivalenten | 120 | (31) | ||
| Geldmiddelen en kasequivalenten bij het begin van het jaar | 118 | 149 | ||
| Geldmiddelen en kasequivalenten per einde boekjaar | 18 | 238 | 118 |
Agfa-Gevaert NV ('de Onderneming') is een onderneming die in België gedomicilieerd is. De geconsolideerde jaarrekening van de Onderneming omvat de Onderneming en haar dochterondernemingen (samen verder 'de Groep' genoemd) en investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode. De geconsolideerde jaarrekening werd door de Raad van Bestuur voor publicatie vrijgegeven op 24 maart 2011.
De geconsolideerde jaarrekening werd opgemaakt overeenkomstig International Financial Reporting Standards (IFRS) uitgegeven door de International Accounting Standards Board (IASB), aangenomen door de Europese Unie en van toepassing op de rapporteringsdatum.
De Groep heeft niet geopteerd voor een eerdere toepassing van IFRS-standaarden die nog niet van kracht waren in 2010. Verdere informatie hierover wordt verschaft in toelichting 1 (X) 'Nieuwe standaarden en interpretaties van standaarden gepubliceerd, nog niet van kracht per einde boekjaar.'
De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro, afgerond naar het dichtstbijzijnde miljoen. Afhankelijk van de toepasselijke IFRS vereisten, is de basis voor waardering gebruikt bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening de historische kostprijs, de opbrengstwaarde, de reële waarde of de realiseerbare waarde. Indien IFRS voorziet in een keuze tussen historische kostprijs en een andere basis voor waardering, wordt de historische kostprijs toegepast.
De opmaak van de geconsolideerde jaarrekening in overeenstemming met IFRS vereist het gebruik van een aantal belangrijke schattingen en veronderstellingen. Tevens dient het management zich oordelen te vormen bij de toepassing van de grondslagen voor financiële verslaggeving. In toelichting 2 worden de rubrieken van de geconsolideerde jaarrekening weergegeven waarbij een hoge mate van oordeelsvorming is vereist of waarbij het gebruik van schattingen en veronderstellingen belangrijk is.
De grondslagen voor financiële verslaggeving werden op een uniforme wijze in heel de Groep toegepast. Met ingang van 1 januari 2010, ten gevolge van de invoering van enkele herziene IFRS standaarden, werd de voorstellingsbasis aangepast in de volgende domeinen:
De Groep past de herziene versie van de standaard over Bedrijfscombinaties toe voor alle overnames na 1 januari 2010. Alle betalingen voor overnames worden gewaardeerd aan reële waarde op overnamedatum. De verplichtingen tot het betalen van een voorwaardelijke vergoeding worden opgenomen als een schuld in de balans. Veranderingen in de waarde van deze schuld worden opgenomen in de winst- en verliesrekening. Aan de overname gerelateerde kosten worden geboekt in de winst- en verliesrekening. De toepassing van deze standaard heeft geen impact gehad op de winst per aandeel.
Vanaf 1 januari 2010 past de Groep de herziene standaard IAS 27 toe, betreffende de boekhoudkundige verwerking van wijzigingen in het eigendomsbelang van een moedermaatschappij in een dochteronderneming die niet leiden tot verlies van zeggenschap, alsook van transacties die leiden tot verlies van zeggenschap. De herziene standaard specificeert dat de minderheidsbelangen apart dienen gepresenteerd te worden in het eigen vermogen, apart van het eigen vermogen van aandeelhouders van de Onderneming. Wijzigingen in eigendomsbelang van een moedermaatschappij in een dochteronderneming die niet leiden tot verlies van zeggenschap, dienen verwerkt te worden als eigen-vermogenstransacties, buiten de winst- en verliesrekening. De standaard specificeert tevens de verwerking van transacties ingeval van verlies van zeggenschap. Bij verlies van zeggenschap dient de investering in de voormalige dochteronderneming opgenomen te worden tegen reële waarde met opname van winsten en verliezen in de winst- en verliesrekening. De toepassing van deze standaard heeft geen impact gehad op de winst per aandeel.
De Groep paste tevens de overige door de IASB uitgegeven standaarden toe die van toepassing waren voor jaarperioden die beginnen op 1 januari 2010. De toepassing van deze standaarden had geen impact noch op de geconsolideerde jaarrekening noch op de winst per aandeel.
Dochterondernemingen zijn deze entiteiten waarover de Onderneming zeggenschap uitoefent. Onder zeggenschap wordt verstaan dat de Onderneming, rechtstreeks of onrechtstreeks, het financiële en operationele beleid van een onderneming kan bepalen teneinde voordelen uit haar activiteiten te verwerven. De jaarrekeningen van de dochterondernemingen worden in de consolidatiekring opgenomen vanaf de datum van verwerving tot het einde van de zeggenschap.
Wanneer een moedermaatschappij de zeggenschap over een dochteronderneming verliest, neemt ze de boekwaarde van de activa en verplichtingen, de minderheidsbelangen en andere componenten van het eigen vermogen van de voormalige dochteronderneming niet langer op in de balans. Elk verschil dat voortvloeit uit het verlies van zeggenschap wordt geboekt in de winst- en verliesrekening. Elke investering die de Groep aanhoudt in de voormalige dochteronderneming wordt opgenomen aan reële waarde op de datum van verlies van zeggenschap. Na eerste opname wordt de investering, afhankelijk van het deelnemingspercentage, verwerkt volgens de 'equity'-methode of als een financieel actief beschikbaar voor verkoop.
Wijzigingen in het eigendomsbelang van een moedermaatschappij in een dochteronderneming die niet tot een verlies van zeggenschap leiden, worden verwerkt als eigen-vermogenstransacties (d.w.z. transacties van aandeelhouders in hun hoedanigheid van eigenaars). In dergelijke omstandigheden moeten de boekwaarden van de meerderheids- en minderheidsbelangen worden aangepast om de wijzigingen in hun relatieve belangen in de dochteronderneming weer te geven. Elk eventueel verschil tussen het bedrag waarmee de minderheidsbelangen worden aangepast en de reële waarde van de ontvangen of betaalde vergoeding, moet rechtstreeks in het eigen vermogen worden verwerkt en aan de aandeelhouders van de moedermaatschappij worden toegewezen.
In deze ondernemingen oefent de Groep een invloed van betekenis uit op het financiële en operationele beleid, maar geen zeggenschap. De geconsolideerde jaarrekening omvat het aandeel van de Groep in de winst of het verlies van de Onderneming vanaf de dag dat deze invloed van betekenis een aanvang neemt tot de dag dat er effectief een einde aan komt. Wanneer het aandeel van de Groep in de verliezen, de boekwaarde van de investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode overstijgt, wordt de boekwaarde herleid tot nul en worden toekomstige verliezen niet langer erkend, behalve in de mate dat de Groep verplichtingen heeft aangegaan met betrekking tot betreffende ondernemingen.
Alle intragroepsaldi en -transacties, met inbegrip van niet-gerealiseerde winsten op intragroeptransacties, worden bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening geëlimineerd. Niet gerealiseerde winsten uit transacties met investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode worden geëlimineerd ten belope van het belang van de Groep in de onderneming. Niet-gerealiseerde winsten uit transacties met investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode worden geëlimineerd tegenover de investeringen in deze ondernemingen. Voor niet-gerealiseerde verliezen gelden dezelfde eliminatieregels als voor de niet-gerealiseerde winsten, met dit verschil dat ze enkel worden geëlimineerd voor zover er geen indicatie van bijzondere waardevermindering bestaat.
Elementen opgenomen in de jaarrekening van de entiteiten van de Groep worden gewaardeerd in de valuta van de primaire economische omgeving waarin de entiteit actief is (de functionele valuta). De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro die de functionele valuta en presentatievaluta van de Onderneming is.
Transacties in vreemde valuta worden omgerekend in de functionele valuta op basis van de wisselkoers die geldt op de transactiedatum. Valutakoersverschillen die ontstaan uit de afwikkeling van dergelijke transacties en uit de omrekening op basis van de slotkoers van monetaire activa en verplichtingen uitgedrukt in vreemde valuta worden in de winst- en verliesrekening opgenomen. Niet-monetaire posten die in vreemde valuta luiden en tegen historische kostprijs worden gewaardeerd, worden omgerekend op basis van de wisselkoers die geldt op transactiedatum.
De resultaten en financiële positie van al de groepsondernemingen (geen enkele heeft een functionele valuta die de valuta is van een land met hyperinflatie) die een functionele valuta hebben die verschillend is van de presentatievaluta worden omgerekend in de presentatievaluta op de volgende wijze:
Bij het afstoten van een buitenlandse activiteit wordt het cumulatieve bedrag van de uitgestelde valutakoersverschillen dat verband houdt met die buitenlandse activiteit en dat opgenomen was in het eigen vermogen, in de winst- en verliesrekening opgenomen wanneer de winst of het verlies op de afstoting wordt erkend.
Goodwill en aanpassingen aan reële waarde ontstaan uit de overname van een buitenlandse entiteit worden beschouwd als activa en verplichtingen van de buitenlandse entiteit en worden omgerekend tegen de slotkoers op de balansdatum.
De Groep neemt een financieel actief op in haar balans op de transactiedatum, op het moment dat de Groep zich verbindt aan de contractuele bepalingen van het instrument. Leningen en vorderingen worden in de balans opgenomen op het moment dat ze geïnitieerd worden.
De Groep neemt een financieel actief niet langer in de balans op vanaf het moment dat de contractuele rechten op de kasstromen uit het financieel actief aflopen of de Groep de contractuele rechten op de ontvangst van de kasstromen uit het financieel actief overdraagt in een transactie waarbij de risico's en voordelen van eigendom van het financieel actief overgedragen worden.
De Groep classificeert financiële activa in de volgende vier categorieën: financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening, tot einde looptijd aangehouden beleggingen, leningen en vorderingen en voor verkoop beschikbare financiële activa.
Een financieel actief wordt geclassificeerd als gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening als het wordt aangehouden voor handelsdoeleinden of als het bij eerste opname als dusdanig is aangemerkt.
De beleggingen van de Groep in waardepapieren met vaste of bepaalbare betalingen en een vaste looptijd worden door de Groep geclassificeerd in de categorie tot einde looptijd aangehouden financiële activa, op voorwaarde dat de Groep het uitdrukkelijke voornemen heeft deze beleggingen aan te houden tot einde looptijd. Bij eerste opname worden deze financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde inclusief direct toewijsbare transactiekosten. Na eerste opname worden tot einde looptijd aangehouden beleggingen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs volgens de effectieve rentemethode, verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.
Leningen en vorderingen zijn niet-afgeleide financiële activa met vaste of bepaalbare betalingen die niet op een actieve markt zijn genoteerd. Deze financiële activa worden bij eerste opname gewaardeerd tegen reële waarde inclusief direct toewijsbare transactiekosten. Na eerste opname worden leningen en vorderingen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.
Voor verkoop beschikbare financiële activa zijn niet-afgeleide financiële activa die worden aangemerkt als voor verkoop beschikbaar en die niet worden geclassificeerd in één van de voorgaande categorieën. Voor verkoop beschikbare financiële activa worden gewaardeerd tegen reële waarde. Winsten en verliezen die voortvloeien uit de verandering in de reële waarde van een belegging die wordt geclassificeerd als financieel actief beschikbaar voor verkoop én die geen voorwerp uitmaakt van een afdekkingrelatie, worden rechtstreeks via het eigen vermogen geboekt. Beleggingen in aandelen en sommige beleggingen in waardepapieren worden geclassificeerd als voor verkoop beschikbare financiële activa. Wanneer de belegging wordt verkocht, ontvangen of anderszins vervreemd of wanneer de boekwaarde van de belegging afgeboekt wordt tengevolge van een bijzondere waardevermindering, wordt op dat ogenblik de
gecumuleerde winst (het verlies) die voordien begrepen was in het eigen vermogen overgeboekt naar de winst- en verliesrekening.
De Groep neemt een financiële verplichting op in haar balans op de transactiedatum, op het moment dat de Groep zich verbindt aan de contractuele bepalingen van het instrument. De Groep neemt een financiële verplichting niet langer op in haar balans als en alleen als de financiële verplichting teniet gaat, wanneer de in het contract vastgelegde verplichting ontbonden wordt, of afloopt. Na eerste opname worden niet-afgeleide financiële verplichtingen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, waarbij gebruik wordt gemaakt van de effectieve rentemethode.
De Groep maakt gebruik van derivaten voor het beheer van het wisselkoers- en renterisico dat voortvloeit uit de operationele, financiële en investeringsactiviteiten. In het kader van haar huidige thesauriepolitiek, wendt de Groep geen derivaten aan voor handelsdoeleinden. Derivaten die economische afdekkingen zijn doch die niet voldoen aan de strikte criteria voor 'hedge accounting' zoals voorgeschreven door IAS 39 Financiële instrumenten: opname en waardering, worden boekhoudkundig verwerkt als financiële activa of financiële verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening.
Derivaten worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde op de datum waarop het contract werd afgesloten (transactiedatum) en worden vervolgens geherwaardeerd tegen hun reële waarde. Naargelang het hier al dan niet gaat over kasstroomafdekkingen of een afdekking van een netto-investering in een buitenlandse entiteit, worden winsten of verliezen ofwel rechtstreeks in het eigen vermogen ofwel in de winst- en verliesrekening opgenomen.
Kasstroomafdekkingen, reële-waardeafdekkingen of afdekkingen van netto-investeringen in buitenlandse entiteiten worden toegepast voor alle afdekkingen die in aanmerking komen voor 'hedge accounting' wanneer de vereiste documentatie van de afdekkingsrelatie bestaat en wanneer de afdekking effectief is.
De reële waarden van derivaten afgesloten ter afdekking van het renterisico worden berekend op basis van gedisconteerde verwachte toekomstige kasstromen rekening houdend met actuele marktrentevoeten en de rendementscurve over de resterende looptijd van het instrument. De reële waarden van termijnwisselcontracten zijn de genoteerde marktwaarden op balansdatum, zijnde de contante waarde van de genoteerde termijnkoersen.
Winsten of verliezen die voortvloeien uit de herwaardering van derivaten die formeel werden toegewezen voor de afdekking van de veranderingen in reële waarde van een opgenomen actief of verplichting of een niet-opgenomen vaststaande toezegging, worden opgenomen in de winst- en verliesrekening. De afgedekte positie wordt eveneens gewaardeerd tegen reële waarde toewijsbaar aan het afgedekte risico, waarbij winsten of verliezen op de afgedekte positie worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Het effectieve deel van de winsten of verliezen uit de reële waardeveranderingen van derivaten die als afdekkinginstrument specifiek toegewezen werden ter afdekking van de variabiliteit van kasstromen, gekoppeld aan een bepaald risico van een opgenomen actief of verplichting of een zeer waarschijnlijke verwachte toekomstige transactie, wordt opgenomen in het eigen vermogen. Indien de afdekking van een verwachte toekomstige transactie tot de opname van een niet-financieel actief of een niet-financiële verplichting leidt, worden de gecumuleerde winsten of verliezen tot dan toe opgenomen in het eigen vermogen opgenomen in de initiële waardering van de kostprijs van het actief of de verplichting. Leidt een afdekking van een verwachte toekomstige transactie tot de opname van een financieel actief of een financiële verplichting, dan wordt de cumulatieve winst of het cumulatieve verlies op het afdekkinginstrument uit het eigen vermogen overgebracht naar de winst- en verliesrekening op het moment dat de afgedekte transactie zelf de nettowinst of het nettoverlies beïnvloedt (met name wanneer de verwachte toekomstige transactie plaatsvindt of wanneer de variabele interestlast wordt opgenomen). Het niet-effectieve deel wordt onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen.
Wanneer het afdekkinginstrument afloopt of wordt verkocht, beëindigd of uitgeoefend, of wanneer de afdekking niet langer voldoet aan de criteria voor 'hedge accounting', dient de cumulatieve winst of het cumulatieve verlies (op dat ogenblik) op het afdekkinginstrument in het eigen vermogen opgenomen te blijven tot de verwachte toekomstige transactie plaatsvindt. Dergelijke transacties worden verwerkt zoals beschreven in voorgaande paragraaf. Indien de
afgedekte transactie niet langer waarschijnlijk blijkt, worden alle gecumuleerde niet-gerealiseerde winsten of verliezen op dat moment, overgedragen van het eigen vermogen naar de winst- en verliesrekening.
Wanneer een verplichting uitgedrukt in vreemde valuta toegewezen wordt als afdekking van de netto-investering in een buitenlandse entiteit, worden de valutakoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van deze verplichting naar de functionele valuta, opgenomen in het eigen vermogen.
Wanneer een derivaat toegewezen wordt als afdekking van een netto-investering in een buitenlandse entiteit, wordt het effectief deel van de winst of het verlies op het afdekkingsinstrument rechtstreeks opgenomen in het eigen vermogen, het ineffectief deel wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Het management van de Groep heeft drie operationele segmenten bepaald: Graphics, HealthCare en Specialty Products. De beslissende factor in de identificatie van de operationele segmenten van de Groep is het detailniveau van informatie die het management – CEO van de Groep en Executive Committee – gebruikt in het nemen van operationele beslissingen. De te rapporteren segmenten van de Groep zijn dezelfde als haar operationele segmenten.
Het resultaat van een te rapporteren segment omvat de opbrengsten en kosten die rechtstreeks door een segment worden gegenereerd, inclusief het relevante deel van de opbrengsten en kosten dat redelijkerwijs aan het segment kan worden toegewezen.
De activa en verplichtingen van een segment omvatten de activa en verplichtingen die direct zijn toe te wijzen aan een segment, inclusief de activa en verplichtingen die redelijkerwijs aan het segment kunnen worden toegewezen.
De activa en verplichtingen van een segment worden weergegeven exclusief winstbelastingen.
De toewijzing van activa en verplichtingen die door meer dan één te rapporteren segment worden aangewend kan als volgt worden samengevat:
De algemene regel is dat elk bestanddeel van een operationeel segment in zijn geheel wordt toegewezen aan één van de te rapporteren segmenten, met andere woorden een actiefbestanddeel zoals een kantoorgebouw wordt toegewezen aan één enkel segment. Als het desbetreffend actiefbestanddeel door meer dan één te rapporteren segment wordt gebruikt, heeft één segment het activum in eigendom terwijl de andere segmenten het huren (middels doorbelasting door middel van dienstenovereenkomsten). Hetzelfde geldt voor bedrijfsverplichtingen zoals verplichtingen ten opzichte van het personeel. Aangezien al de personeelsleden, met uitzondering van de werknemers die tot het Corporate Center behoren en de inactieve werknemers (zie verder), toegewezen zijn aan een specifiek te rapporteren segment, worden alle daaraan verbonden verplichtingen en voorzieningen toegewezen aan het segment waartoe de betrokken werknemer behoort.
De voornaamste uitzondering op bovenstaand principe heeft betrekking op het deel van de productie-eenheid Materials welke film en chemicaliën produceert voor al de te rapporteren segmenten. De productie-eenheid Materials is de combinatie van het specifieke deel van het te rapporteren segment Specialty Products en de productie van filmverbruiksgoederen wereldwijd. Bedrijfsopbrengsten en -kosten en bedrijfsactiva en -verplichtingen die betrekking hebben op filmverbruiksgoederen blijven verdeeld over de verschillende te rapporteren segmenten met behulp van verdeelsleutels.
De resultaten, activa en verplichtingen die betrekking hebben op inactieve werknemers kunnen niet toegewezen worden aan de bedrijfssegmenten. Deze gegevens zijn begrepen in de reconciliatie tussen het totaal van de te rapporteren segmenten en het totaal van de geconsolideerde balans en de winst- en verliesrekening. Inactieve werknemers worden gedefinieerd als gepensioneerden, vroegere werknemers die rechten hebben opgebouwd en andere inactieve werknemers zoals bruggepensioneerden waarvan redelijkerwijs kan worden aangenomen dat zij niet zullen terugkeren tot een actieve status. Werknemers die in principe slechts tijdelijk inactief zijn zoals ten gevolge van langdurige invaliditeit of ziekte, zwangerschapsverlof, legerdienst en dergelijke worden als actieve werknemers behandeld en bijgevolg toegewezen aan één van de te rapporteren segmenten. Het verschil tussen het totaal van de segmentactivatie en -verplichtingen en het balanstotaal omvat tevens de openstaande saldi voortkomend uit de distributie-,
diensten- en langetermijnleveringsovereenkomsten tussen de Groep en AgfaPhoto, evenals de verplichtingen betreffende het vroegere segment Consumer Imaging die bij de Groep gebleven zijn.
Bedrijfscombinaties worden verwerkt volgens de overnamemethode op overnamedatum, zijnde de datum waarop de Groep zeggenschap verkrijgt over de overgenomen partij. Onder zeggenschap wordt verstaan dat de Onderneming het financiële en operationele beleid van de onderneming kan bepalen teneinde voordelen uit haar activiteiten te verwerven. Bij het bepalen van zeggenschap houdt de Groep rekening met potentiële stemrechten die uitoefenbaar zijn.
Goodwill wordt niet afgeschreven doch wordt jaarlijks op bijzondere waardevermindering getoetst, en elke keer wanneer er een aanwijzing bestaat dat de kasstroomgenererende eenheid waaraan goodwill werd toegerekend mogelijk een bijzondere waardevermindering heeft ondergaan. Het onderzoek van kasstroomgenererende eenheden op bijzondere waardevermindering wordt toegelicht in een daartoe voorziene rubriek van deze grondslagen.
Goodwill wordt gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.
Met betrekking tot investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode, wordt het bedrag van de goodwill opgenomen in de boekwaarde van de deelneming in de onderneming.
Voor overnames op of na 1 januari 2010 wordt de goodwill op overnamedatum bepaald als:
Indien het belang van de Groep in de netto reële waarde van de identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen, de kostprijs van de bedrijfscombinatie overtreft dan wordt dit surplus onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen.
Voorwaardelijke verplichtingen worden opgenomen aan reële waarde op overnamedatum. Wijzigingen aan de reële waarde van voorwaardelijke verplichtingen worden geboekt in de winst- en verliesrekening.
Overnamekosten worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening geboekt.
Voor overnames voor 1 januari 2010 vertegenwoordigt de goodwill de waarde waarmee de kostprijs van de bedrijfscombinatie het belang van de Groep in de netto reële waarde van de identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen van de verworven dochteronderneming op overnamedatum, overschrijdt. Indien het belang van de Groep in de netto reële waarde van de identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen, de kostprijs van de bedrijfscombinatie overtreft dan wordt dit surplus onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen.
Overnamekosten als gevolg van een bedrijfscombinatie, andere dan deze verbonden aan de uitgifte van schuldbewijzen of eigen vermogenseffecten, werden gekapitaliseerd als onderdeel van de overnameprijs.
Immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur, zoals handelsnamen, worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.
Immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur worden niet afgeschreven doch zij worden jaarlijks op bijzondere waardevermindering getoetst, en elke keer wanneer er een aanwijzing bestaat dat het immaterieel actief mogelijk een bijzondere waardevermindering heeft ondergaan.
Immateriële activa met een beperkte gebruiksduur worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.
Immateriële activa met een beperkte gebruiksduur, zoals verworven technologie en cliëntenrelaties worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de geschatte gebruiksduur, in het algemeen over een periode van 3 tot 20 jaar.
In overeenstemming met IFRS 3 Bedrijfscombinaties is de kostprijs van een immaterieel actief verworven in een bedrijfscombinatie de reële waarde van het immaterieel actief op overnamedatum. De reële waarde van een immaterieel actief weerspiegelt de marktverwachtingen over de waarschijnlijkheid dat toekomstige economische voordelen vervat in het actief naar de entiteit zullen toevloeien.
Kosten van onderzoek en ontwikkeling worden als een kost in de winst- en verliesrekening opgenomen in de periode waarin zij worden gemaakt, met uitzondering voor bepaalde kosten van ontwikkeling, welke op de balans worden opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat het ontwikkelingsproject een succes zal zijn en wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan zoals technische uitvoerbaarheid en het kunnen aantonen dat het ontwikkelingsproject waarschijnlijke toekomstige economische voordelen zal genereren. Kosten van ontwikkeling opgenomen op de balans worden afgeschreven op een systematische manier over hun geschatte gebruiksduur.
De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen aanschaffingsprijs of tegen kostprijs, verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.
De kostprijs van zelfvervaardigde materiële vaste activa omvat de directe materiaalkost, directe fabricagekosten, een evenredig deel van de vaste kosten van materiaal en fabricage, en een evenredig deel van de afschrijvingen van activa gebruikt bij de vervaardiging. De kostprijs omvat tevens een evenredig deel van de kosten voor het bedrijfspensioenplan en andere vrijwillige personeelsbeloningen van de onderneming.
Uitgaven voor de herstellingen van materiële vaste activa worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Ze worden echter wel geactiveerd indien ze resulteren in een verhoging van het toekomstig economisch nut van de respectieve materiële vaste activa.
Materiële vaste activa worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de gebruiksduur van het actief, tenzij op basis van het effectieve gebruik de degressieve methode meer aangewezen is. De terreinen worden niet afgeschreven.
| Gebouwen | 20 tot 50 jaar |
|---|---|
| Andere bouwwerken | 10 tot 20 jaar |
| Bedrijfsinstallaties | 6 tot 20 jaar |
| Machines en toestellen | 6 tot 12 jaar |
| Laboratorium- en onderzoeksinstallaties | 3 tot 5 jaar |
| Rollend materieel | 4 tot 8 jaar |
| Computermaterieel | 3 tot 5 jaar |
| Bedrijfs- en kantooruitrusting | 4 tot 10 jaar |
De geschatte gebruiksduur van de respectieve activa is de volgende:
Lease-overeenkomsten die vrijwel alle aan het eigendom van een actief verbonden risico's en beloningen aan de Groep overdragen, worden als financiële lease beschouwd. De activa verworven onder de vorm van financiële lease worden opgenomen voor een bedrag gelijk aan het laagste van de reële waarde en de contante waarde van de minimale leasebetalingen bij de aanvang van de lease-overeenkomst, verminderd met de geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. De afschrijvingsperiode stemt overeen met de gebruiksduur of met de looptijd van de lease-overeenkomst, indien korter.
Deelnemingen opgenomen onder de vaste activa omvatten de belangen in ondernemingen waarover de Groep geen zeggenschap uitoefent.
In die gevallen waar de Groep, hetzij direct of indirect, meer dan 20% van de stemrechten bezit en/of een invloed van betekenis uitoefent op het financiële en operationele beleid, worden de deelnemingen opgenomen volgens de 'equity' methode. Als er aanwijzingen zijn dat een deelneming in waarde is verminderd, dan worden de waarderingsregels voor bijzondere waardeverminderingen van activa toegepast.
Andere investeringen in aandelen worden geclassificeerd als financiële activa beschikbaar voor verkoop en worden geboekt aan reële waarde met uitzondering van de aandelen die niet op een actieve markt zijn genoteerd en waarbij de reële waarde niet op een betrouwbare wijze kan worden bepaald.
Deelnemingen die niet in aanmerking komen voor waardering tegen reële waarde worden geboekt aan hun historische kostprijs. Winsten en verliezen die voortvloeien uit de verandering in de reële waarde van een deelneming die wordt geclassificeerd als financieel actief beschikbaar voor verkoop én die geen voorwerp uitmaakt van een afdekkingrelatie, worden rechtstreeks via het eigen vermogen geboekt. Wanneer de deelneming wordt verkocht, ontvangen of anderszins vervreemd of wanneer de boekwaarde van de deelneming afgeboekt wordt tengevolge van een bijzondere waardevermindering, wordt op dat ogenblik de gecumuleerde winst (het verlies) die voordien begrepen was in het eigen vermogen overgeboekt naar de winst- en verliesrekening.
De reële waarde van financiële activa beschikbaar voor verkoop is hun genoteerde biedkoers op de balansdatum.
Handelsvorderingen en overige vorderingen zijn financiële activa, die worden geclassificeerd in de categorie van 'leningen en vorderingen' en die worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Op basis van een nazicht van alle openstaande bedragen op de balansdatum wordt een schatting gemaakt van alle uitstaande bedragen waarvan de inbaarheid twijfelachtig is. Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening voor het verschil tussen de boekwaarde van de vorderingen en de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen.
Goodwill en immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur worden jaarlijks op bijzondere waardevermindering getoetst, en elke keer wanneer er een aanwijzing bestaat dat zij mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan.
Het toetsen op bijzondere waardevermindering gebeurt ieder jaar op hetzelfde ogenblik en op het niveau van de kasstroomgenererende eenheid. De Groep bepaalt haar kasstroomgenererende eenheden overeenkomstig de wijze dat ze haar goodwill beheert en economische voordelen bekomt van de verworven goodwill en immateriële activa. Het toetsen op bijzondere waardevermindering gebeurt door het vergelijken van de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheden met hun realiseerbare waarde, gebaseerd op hun verwachte toekomstige kasstromen gedisconteerd tegen een gepaste disconteringsvoet voor belastingen. De disconteringsvoet die gebruikt wordt in de bepaling van de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen is een disconteringsvoet die gebaseerd is op een gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC). Deze gewogen gemiddelde kapitaalkost is gebaseerd op een vooropgestelde verhouding vreemd vermogen versus eigen vermogen gezien de specifieke financieringsstructuur van de Groep. De kost van vreemd vermogen is gebaseerd op voorwaarden die vergelijkbare bedrijven voor hun langetermijnfinanciering zouden kunnen negociëren. Het risico verbonden aan de verwachtingen van de prijsevoluties van zilver en aluminium is weerspiegeld in de toekomstige kasstromen.
Er wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt indien de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid zijn realiseerbare waarde overtreft. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Op iedere balansdatum dient te worden nagegaan of er een aanwijzing bestaat dat de boekwaarden van de materiële vaste activa, immateriële activa met een beperkte gebruiksduur en financiële activa mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan. Indien een dergelijke indicatie bestaat, wordt de realiseerbare waarde van het actief geraamd. Er wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt als de boekwaarde van een actief zijn realiseerbare waarde overtreft. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening. De realiseerbare waarde van de materiële vaste activa en immateriële activa met een beperkte gebruiksduur is de hoogste waarde van de reële waarde minus verkoopkosten en de gebruikswaarde. Voor de bepaling van de gebruikswaarde worden de geschatte toekomstige kasstromen gedisconteerd naar hun contante waarde op basis van een disconteringsvoet voor belastingen die de tijdswaarde van geld en de aan het actief verbonden specifieke risico's weerspiegelt. De realiseerbare waarde van de leningen en vorderingen van de Groep is de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen contant gemaakt tegen de oorspronkelijke effectieve rentevoet van het financiële actief. Een bijzonder waardeverminderingsverlies dat in voorgaande perioden voor een actief, met uitsluiting van goodwill, werd opgenomen, wordt teruggeboekt als en slechts als er sinds de opname van het laatste bijzonder waardeverminderingsverlies een wijziging heeft plaatsgevonden in de schattingen die gebruikt worden om de realiseerbare waarde van het actief te bepalen.
Grondstoffen, hulpgoederen en handelsgoederen zijn gewaardeerd aan aanschaffingswaarde. Goederen in bewerking en afgewerkte producten zijn gewaardeerd aan kostprijs. De kostprijs omvat naast de directe productie- en materiaalkosten, een evenredig deel van de indirecte kosten ('overheads') van de productie en het materiaal en een evenredig deel van de afschrijvingen van de activa die in het productieproces werden gebruikt. Bovendien wordt een evenredig deel van de kosten voor het bedrijfspensioenplan en andere vrijwillige personeelsbeloningen toegerekend. Administratiekosten zijn inbegrepen voor zover ze verband houden met de productie.
De voorraden worden gewaardeerd volgens de methode van de gewogen gemiddelde kostprijs.
Indien de aanschaffingswaarde of de kostprijs hoger is dan de opbrengstwaarde, wordt de waardering aan de lagere opbrengstwaarde toegepast. De opbrengstwaarde is gelijk aan de geschatte normale verkoopprijs, verminderd met de geschatte afwerkingkosten en de geschatte kosten die nodig zijn om de verkoop te realiseren.
Geldmiddelen en kasequivalenten omvatten de contante middelen en de saldi op zichtrekeningen.
Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een component van de Groep die ofwel is afgestoten, ofwel is geclassificeerd als aangehouden voor verkoop en een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit vertegenwoordigt en deel uitmaakt van een enkel coördinatieplan om een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit af te stoten, of een dochteronderneming betreft die uitsluitend is overgenomen met de bedoeling te worden doorverkocht.
De Groep classificeert een vast actief (of een groep activa die wordt afgestoten) als aangehouden voor verkoop wanneer zijn boekwaarde hoofdzakelijk zal worden gerealiseerd in een verkooptransactie en niet door het voortgezette gebruik ervan. Onmiddellijk voordat het actief voor het eerst wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, waardeert de Groep de boekwaarde van het actief (of van alle activa en verplichtingen in de Groep) overeenkomstig de van toepassing zijnde IFRS. Bij de initiële classificatie als aangehouden voor verkoop, worden vaste activa en groepen van activa die worden afgestoten, gewaardeerd tegen de laagste waarde van hun boekwaarde en hun reële waarde minus de verkoopkosten. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen voor elke eerste of latere afschrijving van een actief (of een groep activa die wordt afgestoten) tot de reële waarde minus verkoopkosten. Vaste activa aangehouden voor verkoop worden niet langer afgeschreven.
Indien aandelen die het eigen vermogen vertegenwoordigen terug worden ingekocht, wordt het betaalde bedrag met inbegrip van de aanverwante kosten beschouwd als een wijziging van het eigen vermogen. Ingekochte eigen aandelen worden geboekt als een vermindering van het eigen vermogen. Vernietigde eigen aandelen worden geboekt als een vermindering van ingehouden winsten.
Dividenden worden geboekt als een schuld in de periode waarin ze formeel worden toegekend.
De rentedragende verplichtingen worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde, verminderd met direct toewijsbare transactiekosten. Na de initiële waardering worden de rentedragende verplichtingen opgenomen tegen geamortiseerde kostprijs, waarbij het verschil tussen het initieel bedrag en de terugbetalingswaarde pro rata temporis in de winst- en verliesrekening wordt opgenomen op basis van de effectieve rentemethode.
De winstbelastingen omvatten de over de verslagperiode verschuldigde en verrekenbare belastingen en de uitgestelde belastingen. Beide belastingen worden in de winst- en verliesrekening geboekt behalve in die gevallen waar het bestanddelen betreft die deel uitmaken van het eigen vermogen. In dit laatste geval verloopt de opname via het eigen vermogen.
Onder de over de verslagperiode verschuldigde en verrekenbare belastingen verstaat men deze die drukken op de fiscale winst van het boekjaar, berekend tegen de belastingtarieven die van kracht zijn op de balansdatum, evenals de aanpassingen aan de belastingen die verschuldigd zijn over de vorige boekjaren.
De uitgestelde belastingen worden berekend volgens de 'balance sheet'-methode en komen hoofdzakelijk voort uit de verschillen tussen de boekwaarde van activa en verplichtingen in de balans en de fiscale boekwaarde ervan (tijdelijke verschillen). Er wordt echter geen rekening gehouden met de volgende verschillen: de eerste opname van goodwill, de eerste opname van een actief of verplichting in een transactie die geen bedrijfscombinatie is en op het moment van de transactie geen invloed heeft op de winst vóór belasting of op de fiscale winst (het fiscaal verlies), en tijdelijke verschillen met betrekking tot investeringen in dochterondernemingen in de mate dat zij waarschijnlijk niet zullen afgewikkeld worden in de nabije toekomst.
Het bedrag van de uitgestelde belastingen is gebaseerd op de verwachtingen met betrekking tot de realisatie van de boekwaarde van de activa en verplichtingen, waarbij gebruik wordt gemaakt van de belastingtarieven (en de belastingwetgeving) waarvan het wetgevingsproces (materieel) is afgesloten op de balansdatum.
Een uitgestelde belastingvordering wordt enkel opgenomen in de balans indien het voldoende zeker is dat de verrekenbare tijdelijke verschillen, de ongebruikte belastingfaciliteiten en de ongebruikte voorwaartse verliescompensatie in de toekomst met fiscale winsten kunnen worden verrekend. Uitgestelde belastingvorderingen worden verminderd naarmate het niet langer waarschijnlijk is dat de belastingbesparing zal kunnen worden gerealiseerd.
Bijkomende inkomstenbelastingen die voortvloeien uit het toekennen van dividenden worden opgenomen op hetzelfde tijdstip als de verplichting tot het betalen van het betreffende dividend.
De vergoedingen na uitdiensttreding omvatten het bedrijfspensioenplan, de levensverzekering en de verzekering voor medische bijstand.
De Groep voorziet in vergoedingen na uitdiensttreding voor de meeste van haar werknemers, hetzij direct, hetzij via een bijdrage aan een onafhankelijk fonds of via een premie aan een verzekeringsmaatschappij. Deze vergoedingen na uitdiensttreding worden verstrekt onder 'vaste bijdrage'-regelingen en/of 'vaste doel'-regelingen.
De betaalde bijdrage wordt onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen.
De boekwaarde op de balans van de 'vaste doel'-regelingen wordt bepaald als de contante waarde van de brutoverplichtingen uit hoofde van 'vaste doel'-regelingen, rekening houdend met de niet-opgenomen actuariële winsten of verliezen, verminderd met nog niet-opgenomen pensioenkosten van verstreken diensttijd en met de reële waarde van fondsbeleggingen. Wanneer deze berekening een netto surplus oplevert, dan wordt de waarde van het hieruit resulterend opgenomen actief begrensd tot het totaal van de niet-opgenomen cumulatieve actuariële nettoverliezen en pensioenkosten van verstreken diensttijd en de contante waarde van de economische voordelen die beschikbaar zijn in de vorm van terugbetalingen uit de regeling of verlagingen van toekomstige bijdragen aan de regeling. De opname van actuariële winsten en verliezen in de winst- en verliesrekening wordt individueel bepaald voor elke 'vaste doel'-regeling. Als de netto opgebouwde niet-opgenomen winsten of verliezen meer bedragen dan 10% van de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van de 'vaste doel'-regeling op die datum of, indien hoger, van de reële waarde van de fondsbeleggingen, dan wordt dit overschot in de winst- en verliesrekening opgenomen over
de verwachte gemiddelde resterende diensttijd van de werknemers die deelnemen aan de regeling. In alle andere gevallen worden de actuariële winsten of verliezen niet opgenomen.
Pensioenkosten van verstreken diensttijd worden als een kost gespreid volgens de lineaire methode over de gemiddelde periode tot de vergoedingen onvoorwaardelijk zijn toegezegd. In de mate dat de vergoedingen onmiddellijk onvoorwaardelijk zijn toegezegd na de introductie van of wijzigingen in een 'vaste doel'-regeling, worden pensioenkosten van verstreken diensttijd onmiddellijk als kost opgenomen.
De Groep neemt de winsten of verliezen op de inperking of afwikkeling van een vaste doelregeling op op het moment dat de inperking of afwikkeling plaatsvindt. De winst of het verlies op een inperking of afwikkeling omvat de resulterende wijzigingen in de reële waarde van de fondsbeleggingen, wijzigingen in de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van toegezegde pensioenrechten en gerelateerde actuariële winsten en verliezen en pensioenkosten van verstreken diensttijd die nog niet eerder waren opgenomen.
De contante waarde van de brutoverplichtingen uit hoofde van 'vaste doel'-regelingen en de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten worden door een gekwalificeerd actuaris berekend volgens de 'projected unit credit' methode. De gebruikte disconteringsvoet is het marktrendement op balansdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de geschatte looptijd van de brutoverplichtingen uit hoofde van vergoedingen na uitdiensttreding. Het bedrag dat in de winst- en verliesrekening wordt geboekt, bestaat uit de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten, de rentekosten, het verwacht rendement op fondsbeleggingen, de actuariële winsten en verliezen en het effect van enige inperkingen en afwikkelingen van een 'vaste doel'-regeling.
Brugpensioen wordt beschouwd als een ontslagvergoeding.
Buiten het bedrijfspensioenplan, het levensverzekeringsplan en het plan voor medische bijstand heeft de Groep nog andere lange diensttijd personeelsbeloningen ten opzichte van haar werknemers. Deze bestaan uit de toekomstige vergoedingen waar de werknemers recht op hebben op basis van de prestaties tijdens de huidige of vorige periodes. Deze verplichtingen worden berekend op basis van de 'projected unit credit'-methode en worden gedisconteerd, verminderd met de reële waarde van fondsbeleggingen. De gebruikte disconteringsvoet is het marktrendement op balansdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de geschatte looptijd van de verplichtingen van de Groep.
Ontslagvergoedingen worden opgenomen als een verplichting en als een last wanneer een groepsonderneming zich aantoonbaar heeft verbonden tot ofwel: (a) het beëindigen van de tewerkstelling van een werknemer of groep van werknemers vóór de normale pensioendatum; of (b) de betaling van ontslagvergoedingen als gevolg van een aanbod ter aanmoediging van vrijwillige pensionering.
Wanneer ontslagvergoedingen verschuldigd zijn na twaalf maanden volgend op de balansdatum, dan worden ze gedisconteerd aan een disconteringsvoet gelijk aan het marktrendement op balansdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de termijn van de verplichtingen van de Groep.
De Groep heeft in eigen-vermogensinstrumenten, afgewikkelde op aandelen gebaseerde betalingstransacties. De reële waarde van de diensten ontvangen vanwege werknemers worden opgenomen als een last. Het totale bedrag dat als last dient te worden opgenomen gedurende de wachtperiode wordt bepaald op basis van de reële waarde van de toegekende aandelenopties, waarbij geen rekening wordt gehouden met de impact van niet-marktprijsgerelateerde voorwaarden. Met niet-marktprijsgerelateerde voorwaarden wordt rekening gehouden in de veronderstellingen inzake het verwachte aantal aandelenopties dat onvoorwaardelijk wordt. Op iedere balansdatum herziet de Groep zijn schattingen van het verwachte aantal aandelenopties dat onvoorwaardelijk wordt. Indien van toepassing, wordt de impact van de herziening van de oorspronkelijke schattingen opgenomen in de winst- en verliesrekening met een overeenkomstige opboeking van het eigen vermogen gedurende de resterende wachtperiode. Indien de opties worden uitgeoefend, wordt het eigen vermogen verhoogd met het bedrag van de ontvangen gelden.
Voorzieningen worden in de balans opgenomen indien een onderneming van de Groep een bestaande verplichting heeft (in rechte afdwingbare of feitelijke) tengevolge van een gebeurtenis van het verleden en als het waarschijnlijk is dat de afwikkeling van deze verplichting resulteert in een uitstroom uit de onderneming van middelen die economische voordelen in zich bergen.
Het bedrag van de voorziening is gebaseerd op een beste schatting van de uitgaven die vereist zijn om de bestaande verplichting op de balansdatum af te wikkelen.
Indien het effect van de tijdswaarde van geld materieel is, worden voorzieningen gedisconteerd op basis van een disconteringvoet vóór belastingen waarbij rekening wordt gehouden met de huidige marktbeoordelingen voor de tijdswaarde van het geld en de risico's die inherent zijn aan de verplichting.
Een voorziening voor reorganisatiekosten wordt geboekt indien de Groep formeel een gedetailleerd reorganisatieplan heeft goedgekeurd en bij de betrokkenen een geldige verwachting heeft gewekt dat de reorganisatie zal worden doorgevoerd door het plan te beginnen uitvoeren of door de belangrijke kenmerken ervan mee te delen aan de betrokkenen. Voor toekomstige exploitatieverliezen worden geen voorzieningen opgenomen.
Indien er terreinen vervuild zijn dan wordt er, in overeenstemming met de gepubliceerde milieupolitiek van de Groep en de van toepassing zijnde wettelijke verplichtingen, een voorziening voor bodemsanering aangelegd.
Een voorziening wordt aangelegd voor overeenkomsten waarbij de onvermijdelijke kosten die nodig zijn om de verplichtingen uit hoofde van het contract na te komen, hoger liggen dan de economische voordelen die naar verwachting uit het contract worden ontvangen.
Handelsschulden en andere verplichtingen worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs.
Opbrengsten uit de verkoop van goederen worden door de Groep in de winst- en verliesrekening opgenomen op het ogenblik dat de wezenlijke risico's en voordelen van eigendom van de goederen worden overgedragen aan de koper, het bedrag van de opbrengst op een betrouwbare wijze kan gewaardeerd worden, er geen significante onzekerheid bestaat omtrent de inning van de vordering en/of de eventuele terugzending van de goederen en de reeds gemaakte of nog te maken kosten met betrekking tot de transactie op een betrouwbare wijze kunnen ingeschat worden.
Wat betreft de verkoop van verbruiksgoederen, chemicaliën, wisselstukken, uitrusting en softwarelicenties is er aan deze opnamecriteria in het algemeen voldaan op het moment dat de goederen verscheept zijn en geleverd zijn aan de koper en, afhankelijk van de leveringsvoorwaarden, de eigendomstitel overgedragen werd en acceptatie van de goederen werd bekomen.
Opbrengsten uit het verrichten van diensten zoals onderhoud worden lineair over de contractueel vastgelegde periode gedurende dewelke de diensten worden verleend, opgenomen in de winst- en verliesrekening.
De Groep sluit tevens overeenkomsten af waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden aan de koper ('multiple element arrangements'). Deze overeenkomsten omvatten onder meer de verkoop van 'software', 'hardware' en diensten zoals opleiding, onderhoud en dienstverlening na verkoop. Voor zulke overeenkomsten wordt steeds nagekeken of de levering van elk van deze goederen en/of diensten kan beschouwd worden als een afzonderlijke boekhoudkundige eenheid waarop de opnamecriteria kunnen toegepast worden. Opbrengsten met betrekking tot de geleverde goederen en/of diensten kunnen los van elkaar in de winst- en verliesrekening opgenomen worden op voorwaarde dat (a) de goederen en/of diensten onafhankelijk van elkaar waarde creëren voor de koper, (b) de reële waarde van de nog niet geleverde goederen en/of diensten op een betrouwbare en objectieve manier kan bepaald worden en (c) in geval de overeenkomst een teruggavenrecht bevat, de onderneming met voldoende zekerheid de succesvolle oplevering van de nog niet geleverde goederen en/of diensten kan inschatten en verzekeren.
Voor zover deze overeenkomsten geen softwareproducten bevatten die significante aanpassingen en programmatie op maat van de koper vereisen, wordt de totale verkoopprijs van de overeenkomst toegewezen aan de verschillende identificeerbare goederen en/of diensten op basis van hun reële waarde. De reële waarde van de verschillende goederen en/of diensten vervat in de overeenkomst wordt bepaald aan de hand van objectieve ondernemingsspecifieke gegevens. Deze objectieve ondernemingsspecifieke gegevens zijn de door de onderneming gehanteerde prijslijsten wanneer de goederen en/of diensten afzonderlijk verkocht worden op de markt.
Het deel van de verkoopprijs toegekend aan ieder element van de transactie zal in de winst- en verliesrekening opgenomen worden op het moment dat de levering van het product heeft plaatsgevonden, de verkoopprijs vaststaand of bepaalbaar is en de inning van de verkoopprijs met voldoende zekerheid kan ingeschat worden en dit alles op voorwaarde dat een verkoopovereenkomst afgesloten werd met de koper.
In het geval dat de reële waarde van een of meerdere reeds geleverde goederen en/of diensten niet op een objectieve manier bepaald kan worden, maar objectieve informatie beschikbaar is van de reële waarde van alle nog niet geleverde goederen en/of diensten, dan wordt het gedeelte van de verkoopprijs toegewezen aan de nog niet geleverde goederen en/of diensten uitgesteld en zal het residueel gedeelte van de verkoopprijs toegewezen aan de geleverde goederen en/of diensten opgenomen worden in de winst- en verliesrekening op voorwaarde dat aan alle opnamecriteria werd voldaan.
Het merendeel van de overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden ('multiple element arrangements') binnen het HealthCare segment, vereist geen significante aanpassingen van het 'software' gedeelte en geen programmatie op maat van de koper. De opnamecriteria worden toegepast op de afzonderlijke identificeerbare componenten van de transactie. Het deel van de verkoopprijs toegewezen aan de 'hardware' component wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening op het moment dat deze geleverd is aan de koper en toegevoegde waarde creëert. Het deel van de verkoopprijs toegewezen aan de 'software' component wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening na succesvolle installatie bij de koper. De hieraan verbonden diensten worden opgenomen in de winst- en verliesrekening naar rato van de verrichte prestaties.
Bij de verkoop van uitrusting die een aanzienlijke installatie vereist binnen het Graphics segment, worden de opbrengsten in de winst- en verliesrekening opgenomen nadat de installatie overeenkomstig alle contractuele bepalingen is voltooid en het systeem aldus gebruiksklaar is voor de koper.
Opbrengsten uit overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden ('multiple element arrangements'), waarbij significante aanpassingen van het 'software' onderdeel noodzakelijk zijn of die programmatie vereisen op maat van de koper, worden in de winst- en verliesrekening opgenomen volgens het stadium van voltooiing van activiteiten op balansdatum. Binnen het HealthCare segment wordt deze werkwijze toegepast op projecten die de drie basiscriteria zoals beschreven in het 'Solution Launch Process' nog niet behaalden, de zogenaamde pilootprojecten. De mate waarin de prestaties zijn verricht, wordt bepaald naar rato van de projectkosten die tot op dat moment zijn gemaakt in verhouding tot de totale geschatte projectkosten. Indien de mate waarin prestaties zijn verricht niet met voldoende zekerheid kan bepaald worden, worden de opbrengsten in de winst- en verliesrekening opgenomen bij finale oplevering aan de koper.
Opbrengsten worden gewaardeerd tegen de reële waarde van de vergoeding na belastingen, kortingen en rabatten. Een voorziening voor garantieverplichtingen ter waarde van de ingeschatte vervangingskost voor de Groep wordt aangelegd op het moment dat de opbrengsten in de winst- en verliesrekening opgenomen worden.
De renteopbrengsten/(-kosten) omvatten rente verschuldigd op leningen en ontvangen rente op beleggingen. Renteopbrengsten en -kosten bevatten ontvangen en betaalde intresten met betrekking tot elementen opgenomen in de netto financiële schuldpositie. De netto financiële schuldpositie wordt gedefinieerd als de som van langlopende en kortlopende rentedragende verplichtingen verminderd met geldmiddelen en kasequivalenten.
Overige financiële opbrengsten/(kosten) bevatten ontvangen en betaalde intresten met betrekking tot overige activa en verplichtingen die geen deel uitmaken van de netto financiële schuldpositie, valutakoersverschillen uit niet-operationele activiteiten, winsten en verliezen uit derivaten ter indekking van niet-operationele activiteiten, bijzondere waardeverminderingsverliezen geboekt op financiële activa beschikbaar voor verkoop, resultaten op de verkoop van effecten beschikbaar voor verkoop, het deel van de pensioenkost van de periode dat niet aan de 'Winst uit bedrijfsactiviteiten' kan worden toegewezen en andere niet-operationele kosten en opbrengsten.
Inkomsten uit rente worden pro rata temporis in de winst- en verliesrekening opgenomen op actuariële basis. Inkomsten uit dividenden worden in de winst- en verliesrekening opgenomen op de dag dat het dividend wordt toegekend.
Alle rentelasten en andere financieringskosten in verband met leningen worden in de winst- en verliesrekening opgenomen naarmate ze ontstaan. De rentelastcomponent van de betalingen voor financiële leases wordt in de winst- en verliesrekening opgenomen, op basis van de effectieve rentemethode.
Betalingen met betrekking tot operationele leases worden via de lineaire methode in de winst- en verliesrekening als lasten opgenomen over de leaseperiode.
Ontvangen leasevoordelen worden in de winst- en verliesrekening opgenomen als een integraal onderdeel van de globale leasebetalingen.
Een aantal reeds gepubliceerde IFRS-standaarden, herzieningen aan IFRS-standaarden en nieuwe interpretaties van IFRS-standaarden waren nog niet van kracht per 31 december 2010 en werden aldusdanig niet toegepast in de opstelling van de geconsolideerde jaarrekening. Het betreft:
In november 2009 publiceerde de IASB, IFRS 9 Financiële instrumenten van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2013. IFRS 9 past de classificatie en waarderingsgrondslagen aan van financiële activa, inclusief bepaalde hybride contracten. De standaard hanteert een éénduidige aanpak om te bepalen of een financieel aktief gewaardeerd dient te worden aan geamortizeerde kostprijs of aan reële waarde, en vervangt aldus de bepalingen van IAS 39. Deze standaard is van toepassing op alle financiële activa binnen het toepassingsgebied van IAS 39 Financiële instrumenten: opname en waardering.
In overeenstemming met IFRS 9 dient de entiteit na eerste opname alle financiële activa te waarderen ofwel tegen geamortiseerde kostprijs ofwel tegen reële waarde overeenkomstig het business model dat de entiteit gebruikt voor het beheer van de financiële activa en overeenkomstig de kenmerken van de contractuele kasstromen verbonden aan het financieel actief. Winsten of verliezen op financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde worden geboekt in de winst- en verliesrekening met uitzondering van beleggingen in eigen-vermogensinstrumenten. Winsten en verliezen op financiële activa gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs worden in de winst- en verliesrekening geboekt op het moment dat het financieel actief wordt uitgeboekt, er een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt wordt op het financieel actief, of het financieel actief geherclassificeerd wordt. Het impact van de toepassing van IFRS 9 op de geconsolideerde jaarrekening is nog niet bepaald.
p IAS 24 Informatieverschaffing over verbonden partijen (gewijzigd)
In november 2009 publiceerde de IASB IAS 24 Informatieverschaffing over verbonden partijen (gewijzigd), van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2011. Deze herziening vereenvoudigd de definitie van verbonden partijen en biedt gedeeltelijke vrijstellingen van toelichtingsvereisten voor entiteiten gerelateerd aan de overheid. De herziening verzekert tevens dat een entiteit informatie verschaft over alle transacties met alle verbonden partijen. De Groep zal de vereiste toelichtingen verschaffen in overeenstemming met deze herziene standaard.
p IAS 32 Classificatie van uitgegeven rechten: aanpassingen
In oktober 2009 publiceerde de IASB een aanpassing aan IAS 32 Classificatie van uitgegeven rechten, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 februari 2010. Deze aanpassing stelt voor om bepaalde uitgegeven rechten te classificeren als eigen-vermogensinstrumenten in de jaarrekening van de uitgever. De rechten waarnaar verwezen wordt in deze standaard omvatten opties, warranten en andere soortgelijke rechten. Deze aanpassing zal geen effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.
In mei 2010 publiceerde de IASB Verbeteringen aan IFRSs, een geheel van niet-dringende noodzakelijke aanpassingen aan bestaande standaarden en toepassingsleidraden in het kader van het IASB's jaarlijkse verbeteringsproject. Het zijn voornamelijk redactionele wijzigingen aan bestaande standaarden. Sommige van deze aanpassingen zijn van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2011, ander zijn van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 juli 2011. Deze aanpassingen zullen geen materieel effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.
In oktober 2010 publiceerde de IASB een aanpassing op IFRS 7 Financiële instrumenten van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 juli 2011. Deze aanpassing vereist bijkomende toelichtingen betreffende transacties die financiële activa transfereren (zoals securitizatie) teneinde meer inzichten te verschaffen omtrent de mogelijke risico's die bij de entiteit zouden achterblijven na dergelijke transacties. Bijkomende toelichtingen zijn noodzakelijk indien een disproportioneel aantal van deze transacties zouden ondernomen worden rond het einde van een verslagperiode. De Groep zal transacties die activa transfereren toelichten in overeenstemming met deze standaard.
In december 2010 publiceerde de IASB een aanpassing van de bestaande standaard IAS 12 Inkomstenbelastingen van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 januari 2012. Deze aanpassing vereist dat de uitgestelde belastingen op een actiefbestanddeel dienen gewaardeerd te worden afhankelijk van de manier waarop de entiteit verwacht om het actief ten gelde te zullen maken, zijnde door regulier gebruik of door verkoop. Deze aanpassing zal geen materieel effect hebben op de geconsolideerde jaarrekening.
p IFRIC 19 Beëindigen van financiële verplichtingen door uitgifte van eigen-vermogensinstrumenten In november 2009 publiceerde de IASB IFRIC 19 Beëindigen van financiële verplichtingen door uitgifte van eigenvermogensinstrumenten, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 juli 2010. Deze interpretatie verduidelijkt de boekhoudkundige verwerking van een transactie waarbij de modaliteiten van een financiële verplichting worden herzien met als resultaat dat de entiteit de financiële verplichting beëindigd door uitgifte van eigen-vermogensinstrumenten ten gunste van de schuldeiser. Het verschil tussen de boekwaarde van de beëindigde financiële verplichting en de betaalde prijs dient geboekt te worden in de winst- en verliesrekening. De uitgegeven eigen-vermogensinstrumenten dienen gewaardeerd te worden op het moment dat de financiële verplichting uitgeboekt wordt. De toepassing van deze interpretatie zal geen impact hebben op de geconsolideerde jaarrekening.
In november 2009 publiceerde de IASB aanpassingen aan IFRIC 14 van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2011. De aanpassingen zijn van toepassing op entiteiten gebonden aan de vereisten van IFRIC 14 inzake minimale financieringsverplichtingen en die vooruitbetalingen doen van bijdragen om aan deze eisen te voldoen. De aanpassingen aan de standaard laten toe dat deze entiteiten deze vooruitbetalingen behandelen als een actiefbestanddeel. De toepassing van deze aanpassing wordt niet verwacht een materieel effect te hebben op de geconsolideerde jaarrekening.
De opmaak van de geconsolideerde jaarrekening in overeenstemming met IFRSs vereist een zekere oordeelsvorming door het management en het gebruik van bepaalde schattingen en veronderstellingen. Deze kunnen een belangrijke impact hebben op de voorstelling van de financiële toestand en/of de resultaten van de activiteiten van de Groep.
De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden regelmatig beoordeeld maar kunnen van de actuele waarden afwijken.
De onderwerpen waarbij een hoge mate van oordeelsvorming is vereist of waarbij het gebruik van schattingen en veronderstellingen belangrijk is voor de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening worden hierna weergegeven met verwijzing naar de betreffende toelichting waar meer informatie wordt verstrekt:
| Onderwerpen die een hoge mate van oordeelsvorming, schattingen en veronderstellingen vereisen |
Toelichtingen |
|---|---|
| De netto contante waarde van geschatte toekomstige kasstromen die wordt gebruikt in het kader van een bedrijfscombinatie en bij het toetsen op bijzondere waardeverminderingen |
Toelichting 6 'Overnames en afstotingen' Toelichting 12 'Immateriële activa' |
| De gebruiksduur van immateriële activa met een beperkte gebruiksduur | Toelichting 12 'Immateriële activa' |
| Het bepalen van de winstbelasting van de Groep en meer in het bijzonder van de recupe reerbaarheid van uitgestelde belastingvorderingen |
Toelichting 24 'Voorzieningen' Toelichting 11 'Winstbelastingen' |
| De actuariële veronderstellingen die gebruikt worden voor de waardering van 'vaste doel'-regelingen |
Toelichting 20 'Personeelsbeloningen' |
| De waardering van voorzieningen en verbintenissen en buiten balans verplichtingen met betrekking tot de insolventie van AgfaPhoto GmbH. |
Toelichting 24 'Voorzieningen' Toelichting 26 'Verbintenissen en buiten balans verplichtingen' |
| Omzeterkenning van overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen worden aangeboden aan de koper ('multiple-element arrangements') |
Toelichting 23 'Uitgestelde omzet en vooruitbetalingen' |
De geconsolideerde jaarrekening van de Groep over 2010 omvat de Onderneming en 114 geconsolideerde dochterondernemingen (2009: 111 geconsolideerde dochterondernemingen) waarover de Onderneming zeggenschap uitoefent.
Investeringen in dochterondernemingen en investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode worden opgelijst in toelichting 29.
De voornaamste wijzigingen in de groepsstructuur hebben betrekking op de overnames van Gandi Innovations en Harold M. Pitman Company en Agfa Graphics NV's partnerschap met haar zakenpartner Shenzhen Brothers.
Voor meer informatie rond de overnames wordt tevens verwezen naar toelichting 6.
Met ingang van 1 september 2010 bundelen Agfa Graphics NV en haar zakenpartner Shenzhen Brothers hun activiteiten gericht op het versterken van de marktpositie van beide partners in Groot-China en de ASEAN-regio. De bijdrage van de Groep bestaat uit haar portefeuille van intellectuele eigendom en haar technologische knowhow op het gebied van drukvoorbereiding (prepress), inkjet en printing. Shenzhen Brothers levert de verkoop- en distributiekanalen. Dit partnership is geen joint venture zoals bedoeld door IAS 31 Belangen in joint ventures, maar valt onder de toepassing van IAS 27 Geconsolideerde en Enkelvoudige Jaarrekeningen. De Groep houdt via haar dochtervennootschap Agfa Graphics NV controle door middel van een participatie van 51% in Agfa Hong Kong Limited (voorheen 100% eigendom van de Groep), de holding van de gecombineerde activiteiten van beide partijen, en door de verschillende opgezette controlestructuren. In het kader van deze transactie werd Agfa Imaging (Shenzhen) Co Ltd opgericht en werden de participaties in Maleisië, Singapore, Taiwan en Shanghai binnen de Groep getransfereerd naar Agfa Hong Kong Limited, wat resulteerde in een daling van het effectieve deelnemingspercentage in de betreffende ondernemingen naar 51%.
De Groep onderscheidt drie te rapporteren segmenten: Graphics, HealthCare en Specialty Products. De te rapporteren segmenten reflecteren het niveau waarop de CEO van de Groep en het Executive Committee de activiteiten herzien en beslissingen nemen over de toewijzing van middelen en andere operationele zaken. De te rapporteren segmenten van de Groep zijn dezelfde als zijn operationele segmenten.
De te rapporteren segmenten Graphics, HealthCare en Specialty Products omvatten de volgende activiteiten:
Graphics biedt geïntegreerde oplossingen voor drukvoorbereiding (prepress) evenals geavanceerde industriële inkjet oplossingen. De oplossingen voor drukvoorbereiding (prepress) omvatten verbruiksgoederen, hardware, software en diensten voor productieworkflow, project- en kleurenbeheer. Als speler op de markt van industriële inkjet biedt Graphics uitgebreide oplossingen aan voor verschillende toepassingen zoals documenten, affiches, spandoeken, bewegwijzering, displays, etiketten en verpakkingsmateriaal.
HealthCare biedt diagnostische beeldvorming en IT-oplossingen voor de gezondheidszorg. Als speler op de markt van diagnostische beeldvorming levert HealthCare analoge, digitale en IT-technologieën om te voldoen aan de behoeften van gespecialiseerde artsen over de hele wereld. HealthCare is ook actief op de markt van bedrijven die IT maken voor gezondheidszorg door de integratie van administratieve, financiële en klinische werkstromen voor volledige ziekenhuizen en zelfs ziekenhuizen met verschillende vestigingen.
Specialty Products biedt een brede waaier aan van op film gebaseerde producten en hoogtechnologische oplossingen voor grote business-to-business klanten buiten de druk- en medische markten. De belangrijkste producten zijn bioscoopfilm, microfilm, film voor niet-destructief materiaalonderzoek en film voor de productie van gedrukte schakelingen. Op basis van zijn kerncompetenties is Specialty Products bovendien actief in de ontwikkeling van geavanceerde producten en materialen voor veelbelovende groeimarkten: materialen voor identificatiekaarten, geleidende polymeren, synthetisch papier en membranen voor de scheiding van gassen.
De waarderingsregels van de te rapporteren segmenten zijn dezelfde als deze die beschreven staan in toelichting 1.
De kerngegevens van de te rapporteren segmenten zijn gebaseerd op interne management rapporten en werden als volgt berekend:
De interne managementrapporten bevatten geografische informatie per markt. De Groep maakt een onderscheid tussen vier geografische markten: Europa, NAFTA, Latijns-Amerika en Azië/Oceanië/Afrika. De Groep is gevestigd in België.
Er zijn geen individuele externe klanten die minstens 10% van de omzet van de Groep vertegenwoordigen.
| Te rapporteren segmenten | Graphics | HealthCare | Specialty Products | TOTAAL | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 | 2010 | 2009 | 2010 | 2009 | 2010 | 2009 |
| Omzet | 1.565 | 1.341 | 1.180 | 1.178 | 203 | 236 | 2.948 | 2.755 |
| Evolutie | 16,7% | (11,9)% | 0,2% | (3,7)% | (14,0)% | (17,8)% | 7.0% | (9,1)% |
| Recurrente EBIT | 134 | 63 | 126 | 116 | 8 | 13 | 268 | 192 |
| Winst uit bedrijfsactiviteiten | 120 | 56 | 111 | 104 | 5 | 7 | 236 | 167 |
| Winstmarge op de omzet | 7,7% | 4,2% | 9,4% | 8,8% | 2,5% | 3,0% | 8,0% | 6,1% |
| Activa van het segment | 935 | 787 | 1.289 | 1.282 | 158 | 153 | 2.382 | 2.222 |
| Verplichtingen van het segment | 366 | 303 | 427 | 393 | 37 | 38 | 830 | 734 |
| Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | 157 | 121 | 178 | 208 | 7 | 26 | 342 | 355 |
| Investeringsuitgaven | 34 | 21 | 20 | 25 | 6 | 6 | 60 | 52 |
| Afschrijvingen | 43 | 46 | 48 | 52 | 4 | 4 | 95 | 102 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | - | - | - | - | 1 | 1 | 1 | 1 |
| Andere niet-kaskosten (opbrengsten) | 118 | 97 | 99 | 108 | 21 | 13 | 238 | 218 |
| Kosten van onderzoek en ontwikkeling | 40 | 38 | 101 | 103 | 12 | 8 | 153 | 149 |
| Aantal personeelsleden einde verslagperiode (in voltijdse hoofden) |
5.587 | 5.043 | 5.983 | 6.002 | 626 | 708 | 12.196 | 11.753 |
| Aantal personeelsleden einde verslagperiode (in voltijdse equivalenten) |
11.766 | 11.169 |
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Omzet | ||
| Omzet van de te rapporteren segmenten | 2.948 | 2.755 |
| Omzet niet toegewezen aan de te rapporteren segmenten | - | - |
| Totale omzet | 2.948 | 2.755 |
| Winst uit bedrijfsactiviteiten | ||
| Winst uit bedrijfsactiviteiten van de te rapporteren segmenten | 236 | 167 |
| Winst/(verlies) uit bedrijfsactiviteiten niet toegewezen aan de te rapporteren segmenten | (2) | 3 |
| Totale winst uit bedrijfsactiviteiten | 234 | 170 |
| Overige niet-toewijsbare bedragen: | ||
| Renteopbrengsten/(-kosten) - netto | (11) | (17) |
| Overige financiële opbrengsten/(-kosten) - netto | (83) | (97) |
| Winst voor belastingen | 140 | 56 |
| Activa | ||
| Activa van de te rapporteren segmenten | 2.382 | 2.222 |
| Bedrijfsactiva niet toegewezen aan de te rapporteren segmenten | 39 | 41 |
| Investeringen | 14 | 9 |
| Invorderbare minimale leasebetalingen | 112 | 144 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 239 | 119 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 246 | 253 |
| Derivaten | 10 | 8 |
| Overige niet-toewijsbare activa | 44 | 56 |
| Totaal activa | 3.086 | 2.852 |
| Eigen vermogen en verplichtingen | ||
| Verplichtingen van de te rapporteren segmenten | 830 | 734 |
| Bedrijfsverplichtingen niet toegewezen aan de te rapporteren segmenten | 634 | 658 |
| Rentedragende verplichtingen | 400 | 564 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 71 | 73 |
| Eigen vermogen | 1.063 | 724 |
| Derivaten | 1 | 2 |
| Overige niet-toewijsbare verplichtingen | 87 | 97 |
| Totaal eigen vermogen en verplichtingen | 3.086 | 2.852 |
| MILJOEN EURO |
TOTAAL VAN DE TE RAPPORTEREN SEGMENTEN |
Aanpassingen | TOTAAL |
|---|---|---|---|
| Investeringsuitgaven | 60 | - | 60 |
| Afschrijvingen | 95 | - | 95 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | 1 | - | 1 |
| Andere niet-kaskosten | 238 | 66 | 304 |
| Kosten van onderzoek en ontwikkeling | 153 | - | 153 |
| Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | 342 | (107) | 235 |
| MILJOEN EURO |
TOTAAL VAN DE TE RAPPORTEREN SEGMENTEN |
Aanpassingen | TOTAAL |
|---|---|---|---|
| Investeringsuitgaven | 52 | - | 52 |
| Afschrijvingen | 102 | - | 102 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | 1 | - | 1 |
| Andere niet-kaskosten | 218 | 50 | 268 |
| Kosten van onderzoek en ontwikkeling | 149 | - | 149 |
| Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | 355 | (89) | 266 |
| MILJOEN EURO |
Omzet (extern) per markt |
Vaste activa2 |
|---|---|---|
| Europa1 | 1.324 | 614 |
| NAFTA | 650 | 323 |
| Latijns-Amerika | 253 | 22 |
| Azië/Oceanië/Afrika | 721 | 49 |
| TOTAAL | 2.948 | 1.008 |
| (1) waarvan België | 50 | 155 |
(2) uitgezonderd uitgestelde belastingsvorderingen
| MILJOEN EURO |
Omzet (extern) per markt |
Vaste activa2 |
|
|---|---|---|---|
| Europa1 | 1.417 | 639 | |
| NAFTA | 522 | 284 | |
| Latijns-Amerika | 219 | 14 | |
| Azië/Oceanië/Afrika | 597 | 46 | |
| TOTAAL | 2.755 | 983 | |
| (1) waarvan België | 63 | 156 |
(2) uitgezonderd uitgestelde belastingsvorderingen
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de belangrijkste kosten naar aard:
| MILJOEN EURO |
Toelichting | 2010 | 2009 |
|---|---|---|---|
| Kostprijs van grondstoffen, goederen aangekocht voor verkoop en productiegerelateerde kosten | 1.258 | 1.079 | |
| Kostprijs van diensten | 142 | 118 | |
| Personeelskosten | 881 | 843 | |
| Afschrijvingen & afwaarderingen | 12/13 | 95 | 102 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op immateriële en materiële activa | 1 | 1 | |
| Afwaardering op voorraden | 15 | 26 | 29 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op leningen en vorderingen | 9 | 30 | 31 |
De kostprijs van de grondstoffen, de goederen aangekocht voor verkoop en productiegerelateerde kosten betreft het totale bedrag aan leveringen van derden (inclusief aankopen van elektriciteit en andere nutsvoozieningen), ongeacht of deze goederen al dan niet gebruikt of verkocht werden gedurende de verslagperiode.
De kostprijs van diensten betreft het extern voorbereidende werk voor de verwerking of productie van producten in de ruimste betekenis.
In 2010 bedroegen de personeelskosten 881 miljoen euro ten opzichte van 843 miljoen euro in 2009.
De personeelskosten kunnen als volgt worden opgesplitst:
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Lonen en salarissen | 676 | 623 |
| Sociale zekerheidsbijdragen | 139 | 139 |
| Kosten voor vergoedingen na uitdiensttreding | 37 | 35 |
| Personeelsgerelateerde reorganisatiekosten | 23 | 32 |
| Andere personeelskosten | 6 | 14 |
| TOTAAL | 881 | 843 |
De kosten voor vergoedingen na uitdiensttreding (2010: 37 miljoen euro, 2009: 35 miljoen euro) hebben betrekking op uitgaven voor 'vaste doel'-regelingen betreffende actieve personeelsleden en uitgaven voor 'vaste bijdrage'-regelingen.
Het gemiddelde aantal personeelsleden in voltijdse equivalenten bedroeg in 2010 11.706 (2009: 11.508). Per functie binnen de Onderneming kan dit gemiddelde als volgt weergegeven worden:
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Productie en engineering | 3.799 | 3.896 |
| Onderzoek en ontwikkeling | 1.409 | 1.377 |
| Verkoop, marketing en service | 4.507 | 4.392 |
| Administratie | 1.991 | 1.843 |
| TOTAAL | 11.706 | 11.508 |
Op 15 januari 2010 verwierf Agfa Graphics het merendeel van de Noord-Amerikaanse activa en verplichtingen van Gandi Innovations Holdings LLC alsook 100% van de aandelen van haar voornaamste buitenlandse dochtervennootschappen. Gandi Innovations is actief in de inkjetmarkt voor grootformaattoepassingen en levert complete middenklassesystemen aan de industrie. De overnameprijs bedroeg 29 miljoen euro.
De verworven identificeerbare activa en de overgenomen verplichtingen zijn gewaardeerd aan hun reële waarde op overnamedatum. De Gandi overname had het volgende effect op de activa en verplichtingen van de Groep:
| MILJOEN EURO |
Toelichting | Gandi Innovations |
|---|---|---|
| Materiële vaste activa | 13 | 1 |
| Voorraden | 15 | |
| Handelsvorderingen | 20 | |
| Overige vorderingen | 1 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 2 | |
| Kortlopende verplichtingen met betrekking tot het personeel | (2) | |
| Handelsschulden | (1) | |
| Kortlopende voorzieningen | 24 | (2) |
| Uitgestelde omzet & vooruitbetalingen | (1) | |
| Winst uit negatieve goodwill | 8 | (4) |
| Overnameprijs | 29 | |
| Overnameprijs betaalbaar in volgende boekjaren | (9) | |
| Betaalde overnameprijs | 20 | |
| Verworven geldmiddelen en kasequivalenten | (2) | |
| Netto uitgaande kasstroom | 18 |
De overnameprijs betaalbaar in volgende boekjaren bedraagt 9 miljoen euro. De betaling van dit voorwaardelijk deel van de overnameprijs is afhankelijk van de inning van de nog openstaande verworven handelsvorderingen. De inningsperiode loopt tot 15 januari 2012.
De reële waarde van de handels- en overige vorderingen omvat bruto contractuele bedragen ten belope van 35 miljoen euro waarvan op overnamedatum werd verwacht dat 14 miljoen euro met betrekking tot handelsvorderingen oninbaar zou zijn.
Door het feit dat Gandi Innovations sinds mei 2009 actief was onder de bescherming van de CCAA in Canada en van 'Chapter 15' in de Verenigde Staten, was de Groep in staat om de overgenomen netto activa te verwerven tegen een lagere prijs dan de reële waarde ervan.
De winst uit negatieve goodwill bedroeg 4 miljoen euro. Voordat de Groep deze winst opnam heeft zij opnieuw beoordeeld of alle verworven activa en alle overgenomen verplichtingen geïdentificeerd werden in overeenstemming met de vereisten van IFRS 3§36.
Op 10 augustus 2010 verwierf de Groep geselecteerde activa en verplichtingen van Harold M. Pitman Company, een toonaangevende leverancier in de Verenigde Staten van producten en systemen voor drukvoorbereiding, industriële inkjet, pressroom en verpakkingsdrukwerk. Met deze overname zal de Groep zijn positie in de drukindustrie in de VSA aanzienlijk versterken. Pitman's klantenbestand en kennis van de industrie zullen groeimogelijkheden bieden voor de industriële inkjet-en drukvoorbereidingsoplossingen van de Groep. De aankoopprijs bedroeg 57 miljoen euro.
De verworven identificeerbare activa en de overgenomen verplichtingen zijn gewaardeerd aan hun reële waarde op overnamedatum. De Pitman overname had het volgende effect op de activa en verplichtingen van de Groep:
| MILJOEN EURO |
Toelichting | Harold M. Pitman Company |
|---|---|---|
| Goodwill | 12 | 5 |
| Immateriële activa met een beperkte gebruiksduur: | ||
| Merknamen | 12 | 8 |
| Cliëntencontracten en -relaties | 12 | 7 |
| Materiële vaste activa | 13 | 1 |
| Voorraden | 31 | |
| Handelsvorderingen | 43 | |
| Overige vorderingen | 5 | |
| Overlopende rekeningen | 1 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 4 | |
| Kortlopende verplichtingen met betrekking tot het personeel | (1) | |
| Handelsschulden | (42) | |
| Kortlopende voorzieningen | 24 | (3) |
| Uitgestelde omzet & vooruitbetalingen | (1) | |
| Uitgestelde belastingsverplichtingen | (1) | |
| Betaalde overnameprijs | 57 | |
| Verworven geldmiddelen en kasequivalenten | (4) | |
| Netto uitgaande kasstroom | 53 |
De reële waarde van de handels- en overige vorderingen omvat bruto contractuele bedragen ten belope van 54 miljoen euro waarvan op overnamedatum werd verwacht dat 6 miljoen euro met betrekking tot handelsvorderingen oninbaar zou zijn.
De goodwill op overname heeft voornamelijk betrekking op verwachte synergievoordelen uit de samenvoeging van beide bedrijfsactiviteiten en het arbeidspotentieel. Het totale bedrag aan goodwill dat fiscaal aftrekbaar is bedraagt 5 miljoen euro.
Immateriële activa met beperkte gebruiksduur worden afgeschreven over een periode van tien jaar.
In mei 2010 verwierf de Groep de resterende 50% van de aandelen van PlanOrg Medica GmbH, waarmee het deelnemingspercentage in deze onderneming stijgt tot 100%. Als gevolg van de overname werd de investering geherclassificeerd uit de categorie 'investeringen verwerkt volgens de equity-methode' en volledig geconsolideerd. In september 2010 fuseerde deze firma met Agfa HealthCare GmbH.
De verworven identificeerbare activa en de overgenomen verplichtingen zijn gewaardeerd aan hun reële waarde op overnamedatum. De overname had het volgende effect op de activa en verplichtingen van de Groep:
| MILJOEN EURO |
Toelichting | PlanOrg Medica GmbH |
|---|---|---|
| Goodwill | 12 | 4 |
| Voorraden | 1 | |
| Handelsvorderingen | 1 | |
| Overige vorderingen | 1 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 5 | |
| Overige schulden | (4) | |
| Uitgestelde omzet & vooruitbetalingen | (2) | |
| Verworven activa en verplichtingen - netto voorgesteld | 6 | |
| Uitboeking van de investering verwerkt volgens de 'equity'-methode | (1) | |
| Betaalde overnameprijs | 5 | |
| Verworven geldmiddelen en kasequivalenten | (5) | |
| Netto uitgaande kasstroom | 0 |
Op overnamedatum werd verwacht dat de kasstromen verbonden aan de bruto contractuele bedragen van de overgenomen vorderingen zouden kunnen geïnd worden.
De goodwill op overname heeft voornamelijk betrekking op verwachte synergievoordelen uit de samenvoeging van beide bedrijfsactiviteiten en bedraagt 4 miljoen euro. Het bedrag aan goodwill is niet fiscaal aftrekbaar.
Het effect van de overnames op de omzet, EBIT en de winst van de Groep wordt niet afzonderlijk toegelicht omdat dit praktisch niet haalbaar is. De overnames werden of onmiddellijk geïntegreerd in de organisatiestructuur van de grafische en 'healthcare'-activiteiten van de Groep of werden, gegeven de bestaande samenwerking tussen de contractpartijen op het tijdstip van overname, verondersteld tot op een hoge mate verweven te zijn met de activiteiten van de Groep.
In december 2009 verwierf de Groep alle aandelen van Insight Agents GmbH, een Europese ontwerper en producent van contrastmedia, waarvan de activiteiten grotendeels in Duitsland geconcentreerd zijn. Contrastmedia worden voornamelijk gebruikt tijdens medische beeldvormingsonderzoeken met röntgenstralen, CT scans en MRI scans, om ofwel specifieke anatomische structuren beter te visualiseren, ofwel functionele beeldvorming uit te voeren.
De overnameprijs bestaat uit een vooraf betaald bedrag van 7 miljoen euro en een betaling in natura van 3 miljoen euro. De betaling in natura bestaat uit leveringen van consumptiegoederen, gespreid over een periode van vijf jaar.
De overname had het volgende effect op de activa en de verplichtingen van de Groep:
| MILJOEN EURO |
Toelichting | Insight Agents GmbH en filialen |
|---|---|---|
| Goodwill | 12 | 6 |
| Immateriële activa met beperkte gebruiksduur: technologie | 12 | 7 |
| Voorzieningen en andere verplichtingen | 24 | (1) |
| Uitgestelde belastingsverplichtingen | (2) | |
| Overnameprijs | 10 | |
| Overnameprijs in natura betaalbaar in volgende boekjaren (verdisconteerde waarde) |
(3) | |
| Netto uitgaande kasstroom | 7 |
De goodwill op de overname heeft voornamelijk betrekking op operationele synergieën.
De verworven technologie wordt afgeschreven over een periode van vijf jaar.
In december 2009 verkocht de Groep 1% van haar deelneming in PlanOrg Medica GmbH, waardoor het controlepercentage van de Groep in deze onderneming daalde van 51% naar 50%. De nog aangehouden investering in PlanOrg Medica GmbH werd per einde boekjaar 2009 geherclassificeerd als 'Investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode' en wordt gewaardeerd tegen de reële waarde van de netto activa en verplichtingen op de datum van verlies van zeggenschap.
Het bedrag van de activa en verplichtingen waarover de zeggenschap werd verloren, kan als volgt samengevat worden:
| MILJOEN EURO |
Toelichting | PlanOrg Medica GmbH |
|---|---|---|
| Voorraden | (1) | |
| Handelsvorderingen | (2) | |
| Kas en kasequivalenten | (7) | |
| Minderheidsbelangen | 19 | 2 |
| Voorzieningen | 24 | 2 |
| Handelsschulden | 2 | |
| Uitgestelde omzet en vooruitbetalingen | 2 | |
| Afgestoten activa en verplichtingen, netto voorgesteld | (2) | |
| Netto inkomende kasstroom | 0 | |
| Winst/verlies van afstotingen | 0 | |
| Reële waarde van de investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode | 14 | 2 |
Bij de uitoefening van haar bedrijfsactiviteit wordt de Groep blootgesteld aan een aantal financiële risico's zoals het valutarisico, het renterisico, het risico verbonden aan de prijsschommelingen van de grondstoffen, het liquiditeitsrisico en het kredietrisico die de financiële positie en het bedrijfsresultaat kunnen beïnvloeden. De doelstellingen, grondslagen en procedures van de Groep inzake het beheer van deze risico's worden beschreven in deze toelichting.
Voor het beheer van de financiële risico's kan de Groep gebruik maken van afgeleide financiële instrumenten. Het gebruik van deze instrumenten is onderworpen aan interne controles en uniforme regelgeving opgesteld door het centraal 'Treasury Committee' van de Groep. Dit comité heeft een autoriteit over alle financiële transacties afgesloten met derde partijen. Gebruikte derivaten betreffen 'over-the counter' financiële instrumenten, voornamelijk termijnwisselverrichtingen. De Groep heeft in de loop van 2009 en 2010 tevens een aantal 'Metal swap' overeenkomsten afgesloten.
Het valutarisico is het risico dat de reële waarde of toekomstige kasstromen van een financieel instrument zullen schommelen als gevolg van wisselkoersveranderingen. In het beheer van valutarisico's wordt een onderscheid gemaakt tussen drie types van valutarisico's: het valutatransactierisico, het valutatranslatierisico en het economische risico verbonden aan transacties in vreemde munten.
De Groep is blootgesteld aan een valutatransactierisico op handelsvorderingen en handelsschulden uitgedrukt in een andere munt dan de functionele munt van de onderneming. Het valutatransactierisico ontstaat tevens uit de variabiliteit van de kasstromen uit verwachte toekomstige transacties. De resultaten en financiële positie van groepsondernemingen die een functionele valuta hebben die verschillend is van de euro, zijn onderhevig aan een valutatranslatierisico. Het economisch valutarisico is het risico dat de toekomstige kasstromen en resultaten van de buitenlandse activiteiten schommelen. Het economisch valutarisico is in zeer hoge mate afhankelijk van andere factoren zoals de concurrentiepositie van de buitenlandse activiteit binnen een bedrijfstak, de relatie met klanten en leveranciers.
In het beheer van de valutarisico's richt het centrale thesauriedepartement zich voornamelijk op het valutatransactierisico en het valutatranslatierisico, daar waar het bedrijfsmanagement zich voornamelijk richt op het beheer van het economisch valutarisico door middel van natuurlijke indekkingen.
Elk van bovenvernoemde valutarisico's beïnvloedt de jaarrekening op een verschillende manier. Het centrale thesauriedepartement controleert en beheert de valutarisico's vanuit de impact die ze hebben op zowel de balans als de winst- en verliesrekening.
De munten die aanleiding geven tot een valutatransactierisico – op nettobasis – betreffen voornamelijk de US dollar, het pond sterling, de Canadese dollar en de Australische dollar.
Met betrekking tot deze munten was de Groep per 31 december 2010 blootgesteld aan het volgende valutarisico:
| Indekkingsinstrumenten | ||||
|---|---|---|---|---|
| MILJOEN vreemde MUNTEENHEID |
Nettopositie van vorderingen en schulden |
Geldmiddelen, kasequivalenten, leningen en deposito's |
Derivaten | Nettopositie |
| 31 december 2010 | ||||
| US dollar | 183,7 | (194,6) | 96,5 | 85,6 |
| Pond sterling | 15 | 0,6 | (15,8) | (0,2) |
| Canadese dollar | (18,6) | (46,3) | 52 | (12,9) |
| Australische dollar | 14,4 | (36,7) | 27,9 | 5,6 |
| 31 december 2009 | ||||
| US dollar | 139,9 | (200,0) | 120,1 | 60,0 |
| Pond sterling | 2,9 | 41,4 | (38,0) | 6,3 |
| Canadese dollar | 5,5 | (59,0) | 75,2 | 21,7 |
| Australische dollar | 9,6 | (18,7) | 12,8 | 3,7 |
In het beheer van de impact van het valutatransactierisico op de balans, tracht de Groep om zowel de gerealiseerde als de niet-gerealiseerde wisselkoersresultaten die ontstaan uit de omrekening van balansposten, uitgedrukt in een munt verschillend van de functionele munt van de onderneming, tot een minimum te herleiden.
Teneinde het uitstaande risico te beperken tot vooropgestelde aangepaste risicolimieten, gebruikt het centrale thesauriedepartement derivaten zoals termijnwisselverrichtingen, ter indekking van het wisselkoersrisico verbonden aan in de balans opgenomen monetaire activa en verplichtingen. De uitstaande derivaten per 31 december 2010, zijn termijnwisselverrichtingen met looptijden van minder dan één jaar.
Wanneer derivaten gebruikt worden ter indekking van het wisselkoersrisico verbonden aan in de balans opgenomen monetaire activa en verplichtingen, wordt er geen 'hedge accounting' toegepast. Winsten of verliezen die voortvloeien uit de waardering van deze derivaten tegen reële waarde worden opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Valutakoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van de resultaten en financiële positie van groepsondernemingen die een functionele munt hebben die verschillend is van de presentatiemunt van de Groep, worden in het eigen vermogen getoond onder valutakoersverschillen, tenzij er een afdekkingmechanisme bestaat.
Munten die aanleiding geven tot het valutatranslatierisico op de balans betreffen voornamelijk de US dollar en de Canadese dollar.
| MILJOEN | Netto-investering in een buitenlandse entiteit | |
|---|---|---|
| vreemde MUNTEENHEID | 31 december 2010 | 31 december 2009 |
| US dollar | 617 | 408 |
| Canadese dollar | 299 | 363 |
Het centrale thesauriedepartement volgt het translatierisico op kwartaalbasis op en stelt corrigerende acties voor aan het Executive Management indien nodig.
De Groep maakt gebruik van leningen uitgedrukt in US dollar (notioneel bedrag 117 miljoen euro) om het valutarisico met betrekking tot de netto-investering in haar dochteronderneming Agfa Corporation in de Verenigde Staten af te dekken. Per 31 december 2010 werd de afdekking van de netto-investering in de dochteronderneming Agfa Corporation (Verenigde Staten) nog steeds bepaald als een effectieve afdekkingsverrichting.
Het effectieve deel van de winst op de afdekkingsinstrumenten werd bijgevolg rechtstreeks in het eigen vermogen opgenomen (27 miljoen euro).
Het valutarisico dat de winst- en verliesrekening beïnvloedt, omvat het valutarisico dat ontstaat uit de variabiliteit van de kasstromen uit verwachte toekomstige transacties uitgedrukt in vreemde valuta alsook het risico verbonden aan schommelingen van de resultaten van de buitenlandse activiteiten bij de omrekening naar de presentatiemunt (euro). Het centrale thesauriedepartement beheert beide risico's samen.
De munten die het valutarisico op de winst- en verliesrekening beïnvloeden, betreffen voornamelijk de US dollar, de Canadese dollar, het pond sterling, de Australische dollar en munten die nauw verbonden zijn aan de US dollar zoals de Hong Kong dollar en de Chinese renminbi.
Aan de hand van aanbevelingen van het centrale 'Treasury Committee' beslist het Executive Management over de te volgen indekkingpolitiek rekening houdend met de bestaande marktsituatie. De groepsobjectieven inzake beheer van de impact van het valutarisico op de winst- en verliesrekening, zijn om de voorspelbaarheid van de financiële resultaten te verhogen en tevens om ook de bedrijfsuitoefening van de Groep binnen een beperkte tijdshorizon te vrijwaren daar waar zij niet kan inspelen op de snel veranderende economische omgeving. Dit gebeurt door middel van prijsaanpassingen en bijsturingen van de productie.
In 2010 duidde de Groep termijnwisselcontracten aan als kasstroomafdekkingen van het vreemde-valutarisico in US dollar waaraan de Groep is blootgesteld op haar zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen in USD over de volgende 12 maanden. Het deel van de winsten op de termijnwisselcontracten dat effectief gebleken was bedroeg op 31 december 2010 1 miljoen euro en werd geboekt in het eigen vermogen.
Een versterking of verzwakking van de euro met 10% ten opzichte van de munten vermeld in onderstaande tabel zou onderstaand positief of negatief effect gehad hebben op de winst- en verliesrekening, gegeven dat alle andere risicovariabelen constant gehouden worden. De gevoeligheidsanalyse werd uitgevoerd op de nettorisicopositie, rekening gehouden met de impact van het gebruik van afgeleide financiële instrumenten.
De gevoeligheidsanalyse bevat, voor de US dollar en voor de Canadese dollar, tevens het effect op de valutakoersverschillen opgenomen in het eigen vermogen van een verandering van 10% van de koers van deze munten ten opzichte van hun respectieve slotkoersen per jaareinde. Er werd rekening gehouden met de impact van de US dollarleningen aangeduid als afdekkingisnstrument voor de afdekking van de netto-investering in de dochteronderneming Agfa Corporation. De gevoeligheidsanalyse werd op dezelfde basis als in 2009 uitgevoerd.
| Winst- en verliesrekening | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2010 | 2009 | |||||||
| MILJOEN EURO |
Versterking van de euro met 10% |
Verzwakking van de euro met 10% |
Versterking van de euro met 10% |
Verzwakking van de euro met 10% |
||||
| US dollar en andere munten nauw gerelateerd aan de US dollar: Hong Kong dollar - Chinese renminbi |
(5,0) | 5,0 | (28,1) | 28,1 | ||||
| Canadese dollar | 0,9 | (0,9) | (3,0) | 3,0 | ||||
| Pond sterling | (6,8) | 6,8 | (7,6) | 7,6 | ||||
| Australische dollar | (4,7) | 4,7 | (4,5) | 4,5 |
| 2010 | 2009 | |||
|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO |
Versterking van Verzwakking van de euro met 10% de euro met 10% |
Versterking van de euro met 10% |
Verzwakking van de euro met 10% |
|
| US dollar | (29,6) | 29,6 | (16,6) | 16,6 |
| Canadese dollar | (22,4) | 22,4 | (24,0) | 24,0 |
Het renterisico is het risico dat de reële waarde of toekomstige kasstromen van een financieel instrument zullen schommelen als gevolg van veranderingen in de marktrente. De Groep is blootgesteld aan het renterisico verbonden aan haar netto rentedragende schuldpositie inclusief valutaswaps die leningen en deposito's tussen ondernemingen van de Groep economisch afdekken. Voor de belangrijkste munten is het renteprofiel hiervan op de balansdatum als volgt:
| 2010 | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Opgenomen bedrag aan Notioneel bedrag rentedragende verplichtingen van de afgeleide |
Opgenomen bedrag aan rentedragende verplichtingen |
Notioneel bedrag van de afgeleide |
|||||
| MILJOEN euro |
Aan vlottende interestvoet |
Aan vaste interestvoet |
financiële instrumenten |
Aan vlottende interestvoet |
Aan vaste interestvoet |
financiële instrumenten |
|
| Euro | (31) | 195 | - | 326 | 195 | - | |
| US dollar | 77 | - | - | (18) | - | - | |
| Pond sterling | 18 | - | - | 35 | - | - | |
| Chinese renminbi | 11 | - | - | 3 | - | - | |
| Japanse yen | 15 | - | - | 19 | - | - |
Een verandering van 100 basispunten ten opzichte van de interestvoeten geldend per 31 december 2010, zou onderstaande stijging (of daling) teweeg hebben gebracht in de resultaten zoals opgenomen in de winst- en verliesrekening en in de afdekkingreserve in het eigen vermogen. In deze gevoeligheidsanalyse zijn alle andere risicovariabelen, zoals wisselkoersen, constant gehouden. De gevoeligheidsanalyse werd op dezelfde basis als in 2009 uitgevoerd.
| Winst- en verliesrekening | Afdekkingsreserve/eigen vermogen | |||
|---|---|---|---|---|
| Stijging met 100 basispunten |
Daling met 100 basispunten |
Stijging met 100 basispunten |
Daling met 100 basispunten |
|
| 31 december 2010 | ||||
| Netto impact | 0,3 | (0,3) | - | - |
| 31 december 2009 | ||||
| Netto impact | (2,5) | 2,5 | - | - |
Het grondstoffenrisico voor de Groep is geconcentreerd rond de grondstoffen zilver en aluminium. Het grondstoffenrisico voor de Groep zijnde risico dat de toekomstige kasstromen en resultaten schommelen tengevolge van veranderende materiaalprijzen, hangt nauw samen met andere factoren zoals de concurrentiepositie van de Groep en zijn relaties met klanten en leveranciers. De Groep heeft zilver- en aluminiumclausules afgesloten met een aantal klanten, die zijn blootstelling aan grondstofprijsfluctuaties gedeeltelijk afdekken.
Teneinde het risico op mogelijke prijsstijgingen en prijsschommelingen van de grondstoffen te beperken, past de Groep een strategie toe waarbij grondstoffen deels aan contantkoersen worden aangekocht gecombineerd met een systeem van 'Rolling layered forward buying'. Het systeem van 'Rolling layered forward buying' wordt bereikt via termijnwisselcontracten voor de levering van grondstoffen afgesloten met grondstoffenleveranciers overeenkomstig de verwachte behoefte en effectief gebruik van de Groep.
Het systeem van 'Rolling layered forward buying' werd opgezet voornamelijk om de fluctuaties van grondstofprijzen uit te vlakken. Volgens dit model koopt de Groep een vooraf bepaald percentage van het geplande jaarlijkse verbruik aan grondstoffen aan. Het 'Commodity Steering'-Committee houdt toezicht op de aankoop- en indekkingsstrategie. Afwijkingen van het model zijn mogelijk, waarbij in deze gevallen het Executive Management een beslissing neemt. Het model houdt tevens rekening met het muntrisico gerelateerd aan grondstofaankopen.
In uitzonderlijke gevallen maakt de Groep gebruik van derivaten zoals 'Metal swap' overeenkomsten afgesloten met een investeringsbank die het risico afdekken verbonden aan de verwachte prijsschommelingen van de grondstoffen welke zeer waarschijnlijk zullen worden aangekocht.
In 2009 en 2010 heeft de Groep een aantal 'Metal swap' overeenkomsten afgesloten met een investeringsbank. Deze contracten worden aangeduid als kasstroomafdekkingen van het risico op prijsschommelingen van de grondstoffen
welke zeer waarschijnlijk zullen worden aangekocht. Het zijn contracten die afgesloten en gehouden worden voor de levering van grondstoffen overeenkomstig de verwachte behoefte en effectief gebruik. Het deel van de winst op de swap overeenkomsten dat effectief gebleken is, werd geboekt in het eigen vermogen (31 december 2010: 1 miljoen euro; 31 december 2009: 2 miljoen euro).
Het kredietrisico is het risico dat de tegenpartij bij een financieel instrument haar verplichtingen niet kan nakomen waardoor de Groep een financieel verlies te verwerken krijgt. De Groep beheert haar kredietrisico enerzijds door het opleggen van vooraf afgesproken kredietlimieten per tegenpartij en anderzijds door middel van diversificatie in contracterende partijen. Het kredietrisico van de Groep komt voornamelijk voort uit handelsvorderingen, investeringen en termijnwisselverrichtingen.
De blootstelling aan het kredietrisico uit handelsvorderingen wordt continu opgevolgd door de 'Credit Committees'. Voor elke klant worden er, gebaseerd op zijn/haar kredietwaardigheid en specifieke karakteristieken, kredietlimieten bepaald die op periodieke basis herzien worden door het 'Credit Committee'. Voor de opvolging van het kredietrisico worden klanten gegroepeerd in risicocategorieën, op basis van welbepaalde financiële karakteristieken. Het beleid van de Groep inzake het beheersen van het kredietrisico bepaalt tevens om een deel van de klantenportefeuille te verzekeren via kredietverzekering teneinde het risico op wanbetaling te beperken.
Goederen worden verkocht met behoud van eigendomstitel tot moment van betaling, zodat de Groep in geval van wanbetaling een rechtmatige eis kan stellen op de verkochte goederen. De Groep eist onder normale omstandigheden geen waarborgen met betrekking tot handels- en diverse vorderingen.
Het is enkel toegelaten om afgeleide financiële instrumenten af te sluiten met tegenpartijen die over een hoge kredietwaardigheid beschikken. Teneinde de concentratie van risico's verbonden aan een tegenpartij te beperken, worden afgeleide financiële instrumenten afgesloten met diverse financiële instellingen. Investeringen zijn enkel toegelaten in activa die vrij verhandelbaar zijn.
Aangezien de Groep over een brede klantenportefeuille beschikt, zijn er geen significante concentraties van kredietrisico op de balansdatum. De respectieve boekwaarden van de financiële activa opgenomen in de balans geven het maximale kredietrisico weer waaraan de Groep is blootgesteld.
Het maximale kredietrisico waaraan de Groep blootgesteld is op de balansdatum, per categorie van financiële activa, is als volgt:
| MILJOEN EURO |
Toelichting | 2010 | 2009 |
|---|---|---|---|
| Voor verkoop beschikbare financiële activa | |||
| Begrepen in investeringen | 14 | 3 | 1 |
| Begrepen in geldmiddelen en kasequivalenten | 18 | - | 1 |
| Tot einde looptijd aangehouden beleggingen | 14 | - | - |
| Financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening: |
|||
| Derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen - activa | 7E | 4 | 5 |
| Derivaten die geen deel uitmaken van een afdekkingsrelatie - activa | 7E | 6 | 3 |
| Financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst-en verliesrekening |
14 | 3 | 2 |
| Leningen en vorderingen | |||
| Handelsvorderingen | 619 | 592 | |
| Invorderbare minimale leasebetalingen | 16 | 112 | 144 |
| Overige vorderingen | 16 | 141 | 143 |
| Leningen en vorderingen inbegrepen in investeringen | 14 | 2 | 2 |
| Kas, depositorekeningen en cheques1 | 18 | 239 | 118 |
(1) Effecten beschikbaar voor verkoop zijn begrepen in de categorie voor verkoop beschikbare financiële activa (2010: 0 miljoen euro; 2009: 1 miljoen euro)
De Groep beoordeelt ieder kwartaal of er objectieve aanwijzingen zijn voor het boeken van waardeverminderingsverliezen op een financieel actief of op een groep van financiële activa. Deze waardeverminderingsverliezen worden geboekt voor het verschil tussen de boekwaarde van de vorderingen en de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen. Individueel belangrijke financiële activa worden op individuele basis beoordeeld op waardeverminderingsverliezen in overleg met het 'Credit Committee'. Bij niet belangrijke financiële activa geschiedt de beoordeling op collectieve basis.
De ouderdomsanalyse van handelsvorderingen, invorderbare minimale leasebetalingen en leningen op de balansdatum is de volgende:
| 2010 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO |
Bruto waarde |
Waarde verminderings verliezen |
Netto waarde |
Bruto waarde |
Waarde verminderings verliezen |
Netto waarde |
| Handelsvorderingen | ||||||
| Niet vervallen | 495 | (5) | 490 | 481 | (4) | 477 |
| Tussen 0 en 30 dagen na vervaldatum |
39 | (1) | 38 | 37 | (2) | 35 |
| Tussen 31 en 90 dagen na vervaldatum |
29 | (1) | 28 | 27 | (4) | 23 |
| Meer dan 90 dagen na vervaldatum | 149 | (86) | 63 | 112 | (55) | 57 |
| Totaal handelsvorderingen | 712 | (93) | 619 | 657 | (65) | 592 |
| Invorderbare minimale leasebetalingen | ||||||
| Niet vervallen | 112 | (2) | 110 | 141 | (3) | 138 |
| Tussen 0 en 30 dagen na vervaldatum |
1 | - | 1 | 2 | (1) | 1 |
| Tussen 31 en 90 dagen na vervaldatum |
1 | - | 1 | 4 | - | 4 |
| Meer dan 90 dagen na vervaldatum |
3 | (3) | 0 | 4 | (3) | 1 |
| Totaal invorderbare minimale leasebetalingen |
117 | (5) | 112 | 151 | (7) | 144 |
| Leningen begrepen in investeringen | ||||||
| Niet vervallen | 2 | - | 2 | 2 | - | 2 |
| Tussen 0 en 30 dagen na vervaldatum |
- | - | - | - | - | - |
| Tussen 31 en 90 dagen na vervaldatum |
- | - | - | - | - | - |
| Meer dan 90 dagen na vervaldatum |
- | - | - | - | - | - |
| Totaal leningen begrepen in investeringen |
2 | - | 2 | 2 | - | 2 |
Er werden geen waardeverminderingsverliezen geboekt voor vervallen bedragen waarvoor de inning meer dan waarschijnlijk is of waarvoor voldoende waarborgen verkregen werden.
De mutatie in de voorziening voor waardeverminderingsverliezen met betrekking tot leningen en vorderingen is de volgende:
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Boekwaarde per 1 januari | 72 | 71 |
| Overnames 2010 | 20 | - |
| Toevoegingen/terugnemingen geboekt in de winst- en verliesrekening | 19 | 21 |
| Afboeking van de voorziening voor waardeverminderingsverliezen1 | (14) | (20) |
| Wisselkoersverschillen | 1 | - |
| Boekwaarde per 31 december | 98 | 72 |
(1) Afboekingen waarvoor vroeger een voorziening voor waardeverminderingsverliezen geboekt was.
Het liquiditeitsrisico is het risico dat de Groep zijn verplichtingen in verband met financiële schulden op vervaldag niet kan nakomen.
De Groep verzekert zich ervan over voldoende liquiditeiten te beschikken om zijn verplichtingen af te lossen. Het liquiditeitsrisico wordt beheerd door het handhaven van voldoende diversificatie in fondsen.
De Groep heeft een beleid geïmplementeerd ten einde concentraties van het liquiditeitsrisico te beperken. De totaliteit van de opgenomen en niet-opgenomen schuld onder gecommitteerde kredietfaciliteiten bij één bank of bankengroep mag vooraf bepaalde limieten niet overschrijden. Leningen zijn enkel toegestaan met financiële instellingen die over een hoge kredietwaardigheid beschikken (niveau A of hoger). Risicoconcentraties worden opgevolgd op regelmatige basis door het 'Treasury Committee'.
In het beheer van zijn liquiditeitsrisico heeft de Groep een gecommitteerde kredietfaciliteit tot zijn beschikking. Deze kredietfaciliteit werd onderhandeld voor een periode tot juni 2012. Geldopnamen onder deze kredietlijnen worden gedaan voor korte periodes maar de Groep heeft, onder de bestaande herfinancieringovereenkomst, de mogelijkheid om de leningen te verlengen voor langere periodes na balansdatum.
In de looptijdanalyse zoals hieronder voorgesteld, zijn de terugbetalingen van de 'revolving multi-currency'-kredietfaciliteit inbegrepen in de vroegste tijdsband dat de Groep verplicht zou kunnen worden tot terugbetaling van de opgenomen verplichtingen. De vroegste tijdsband van deze kredietfaciliteit wordt bepaald door de zesmaandelijkse evaluatie van de vooropgestelde covenanten, zijnde ratio's voornamelijk gebaseerd op EBITDA. Op basis van de bestaande businessplannen, die tevens gebruikt werden in het onderzoek op bijzondere waardevermindering van goodwill, verwacht de Groep om de opnamen onder de 'revolving multi-currency'-kredietfaciliteit te kunnen verlengen tot de contractuele eindvervaldag. Contractuele vervaldagen en nominale bedragen van deze faciliteit worden toegelicht in toelichting 21 Rentedragende verplichtingen.
De contractuele looptijdanalyse voor rentedragende verplichtingen, inclusief aflossing van hoofdbedrag en interestbetalingen, is als volgt:
| Resterende contractuele looptijden | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| 2010 MILJOEN EURO |
Boekwaarde | Contractuele niet-gediscon teerde kasstromen1 |
Minder dan 3 maanden |
Tussen 3 en 12 maanden |
Tussen 1 en 5 jaar |
Meer dan 5 jaar |
| Niet-afgeleide financiële verplichtingen | ||||||
| Obligatielening | 195 | 237 | - | 8 | 229 | - |
| 'Revolving multi-currency'-kredietfaciliteit - opgenomen bedrag |
180 | 180 | 180 | - | - | - |
| Andere rentedragende leningen | 24 | 25 | 7 | 14 | 1 | 3 |
| Handelsschulden | 246 | 246 | 246 | - | - | |
| Afgeleide financiële instrumenten | ||||||
| Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen: |
||||||
| Uitgaande kasstromen | - | (52) | (52) | - | - | - |
| Inkomende kasstromen | 1 | 53 | 53 | - | - | - |
| Andere termijnwisselverrichtingen: | ||||||
| Uitgaande kasstromen | - | (227) | (227) | - | - | - |
| Inkomende kasstromen | 4 | 231 | 231 | - | - | - |
| Rente- en deviezenswap: | ||||||
| Uitgaande kasstromen | - | (59) | - | (59) | - | - |
| Inkomende kasstromen | 1 | 60 | - | 60 | - | - |
(1) De waarde van de contractuele niet-gedisconteerde kasstromen met betrekking tot niet-afgeleide financiële verplichtingen is berekend op basis van voorwaarden die bestonden op de balansdatum aangaande wisselkoersen en intrestvoeten. Het opgenomen bedrag aan interestbetalingen werd berekend op basis van de opgenomen schuld op de balansdatum. De waarde van de contractuele niet-gedisconteerde kasstromen van termijnwisselverrichtingen en rente- en deviezenswap werd berekend op basis van termijnwisselkoersen.
| Resterende contractuele looptijden | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| 2009 MILJOEN EURO |
Boekwaarde | Contractuele niet-gediscon teerde kasstromen1 |
Minder dan 3 maanden |
Tussen 3 en 12 maanden |
Tussen 1 en 5 jaar |
Meer dan 5 jaar |
| Niet-afgeleide financiële verplichtingen | ||||||
| Obligatielening | 195 | 246 | - | 9 | 34 | 203 |
| 'Revolving multi-currency'-kredietfaciliteit - opgenomen bedrag |
357 | 357 | 357 | - | - | - |
| Andere rentedragende leningen | 11 | 11 | 5 | 6 | - | - |
| Handelsschulden | 206 | 206 | 206 | - | - | |
| Afgeleide financiële instrumenten | ||||||
| Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen: |
||||||
| Uitgaande kasstromen | - | - | - | - | - | - |
| Inkomende kasstromen | - | - | - | - | - | - |
| Andere termijnwisselverrichtingen: | ||||||
| Uitgaande kasstromen | - | (285) | (285) | - | - | - |
| Inkomende kasstromen | 1 | 286 | 286 | - | - | - |
(1) De waarde van de contractuele niet-gedisconteerde kasstromen met betrekking tot niet-afgeleide financiële verplichtingen is berekend op basis van voorwaarden die bestonden op de balansdatum aangaande wisselkoersen en intrestvoeten. Het opgenomen bedrag aan interestbetalingen werd berekend op basis van de opgenomen schuld op de balansdatum. De waarde van de contractuele niet-gedisconteerde kasstromen van termijnwisselverrichtingen en rente- en deviezenswap werd berekend op basis van termijnwisselkoersen.
De vervaldagstructuur van de financiële leaseverplichtingen wordt toegelicht in toelichting 21 Rentedragende verplichtingen.
Het Executive Management houdt toezicht op de verhouding van de netto financiële schuld ten opzichte van het eigen vermogen. Het Executive Management tracht deze verhouding op een vooropgesteld niveau aan te houden. De netto financiële schuld is de som van kortlopende en langlopende rentedragende verplichtingen verminderd met de geldmiddelen en kasequivalenten. De aanpak van de Groep inzake kapitaalbeheer is niet gewijzigd gedurende het jaar.
De Groep is niet onderworpen aan wettelijk opgelegde kapitaalvereisten, met uitzondering van statutaire minimumkapitaalvereisten van toepassing op groepsfilialen in de verschillende landen.
Gedurende de voorbije jaren kocht de Groep eigen aandelen in op de markt. Deze aandelen dienen ter indekking van de aandelenoptieplannen. De Groep heeft geen vooraf gedefinieerd beleid aangaande terugkoop van eigen aandelen.
De reële waarde is het bedrag waarvoor een actief kan worden verhandeld of een verplichting kan worden afgewikkeld tussen terzake goed geïnformeerde, tot een transactie bereid zijnde partijen die onafhankelijk zijn. Alle afgeleide financiële instrumenten worden tegen reële waarde opgenomen in de balans.
De reële waarden van financiële activa en financiële verplichtingen gegroepeerd per categorie, samen met hun respectieve boekwaarden wordt toegelicht in de tabel hierna. De Groep groepeert haar financiële instrumenten rekening houdend met de kenmerken van de financiële instrumenten.
| 31 december 2010 | 31 december 2009 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO |
Toelichting | Boek waarde |
Reële waarde |
Boek waarde |
Reële waarde |
| Activa beschikbaar voor verkoop | |||||
| Begrepen in investeringen - gewaardeerd aan reële waarde | 14 | 1 | 1 | 1 | 1 |
| Begrepen in investeringen - gewaardeerd aan kostprijs | 14 | 2 | - | - | - |
| Begrepen in geldmiddelen en kasequivalenten - gewaardeerd aan reële waarde |
18 | - | - | 1 | 1 |
| Financiële activa en verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde via de winst- en verliesrekening |
|||||
| Geclassificeerd als aangehouden voor handelsdoeleinden | |||||
| Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen: | |||||
| Activa | 1 | 1 | - | - | |
| Verplichtingen | - | - | - | - | |
| Swapcontracten aangeduid als kasstroomafdekkingen: | |||||
| Activa | 3 | 3 | 5 | 5 | |
| Verplichtingen | - | - | - | - | |
| Termijnwisselverrichtingen niet aangeduid als afdekkingsinstrumenten in een afdekkingsrelatie: |
|||||
| Activa | 5 | 5 | 3 | 3 | |
| Verplichtingen | (1) | (1) | (2) | (2) | |
| Rente-en deviezenswap niet aangeduid als afdekkingsinstrumenten in een afdekkingsrelatie : |
|||||
| Activa | 1 | 1 | - | - | |
| Verplichtingen | - | - | - | - | |
| Geclassificeerd als gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst-en verliesrekening: |
14 | 3 | 3 | 2 | 2 |
| Leningen en vorderingen gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs |
|||||
| Leningen en vorderingen opgenomen in investeringen | 14 | 2 | 2 | 2 | 2 |
| Handelsvorderingen | 619 | 619 | 592 | 592 | |
| Overige vorderingen | 16 | 253 | 253 | 287 | 287 |
| Kas, depositorekeningen en cheques | 18 | 239 | 239 | 118 | 118 |
| Niet-afgeleide financiële verplichtingen gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs |
|||||
| Bankleningen | 21 | 24 | 24 | 11 | 11 |
| Multi-currency' kredietfaciliteiten | 21 | 180 | 180 | 357 | 357 |
| Obligatielening | 21 | 195 | 189 | 195 | 146 |
| Financiële leaseverplichtingen | 21 | 1 | 1 | 1 | 1 |
| Handelsschulden | 246 | 246 | 206 | 206 | |
| Overige verplichtingen - AgfaPhoto | 22 | 33 | 33 | 33 | 33 |
| Overige verplichtingen - gelopen niet-vervallen rente, nog te betalen overnameprijs (Gandi) en andere diverse te betalen posten |
22 | 103 | 103 | 84 | 84 |
De methoden en veronderstellingen toegepast bij het bepalen van de reële waarde van iedere categorie financiële activa of financiële verplichtingen zijn de volgende:
Investeringen in aandelen, andere dan investeringen verwerkt volgens de 'equity-methode, worden geclassificeerd als financiële activa beschikbaar voor verkoop en worden geboekt aan reële waarde, met uitzondering van de aandelen die niet op een actieve markt zijn genoteerd en waarbij de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan worden bepaald. De reële waarde van financiële activa beschikbaar voor verkoop is hun genoteerde biedkoers op de balansdatum.
Financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening De reële waarden van termijnwisselcontracten zijn de genoteerde marktwaarden op de balansdatum. De reële waarden van derivaten afgesloten ter afdekking van het renterisico worden berekend op basis van gedisconteerde verwachte toekomstige kasstromen rekening houdend met actuele marktrentevoeten en de rendementscurve over de resterende looptijd van het instrument.
De reële waarde van de financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening is de genoteerde marktwaarde op de balansdatum.
De reële waarde van handelsvorderingen en overige financiële vorderingen is de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen, gedisconteerd aan de marktconforme interestvoeten op de balansdatum. De reële waarde van invorderbare minimale leasebetalingen is gebaseerd op de contante waarde van de minimum leasebetalingen gedisconteerd aan marktconforme interestvoeten voor vergelijkbare activa.
De reële waarde is de contante waarde van de toekomstige kasstromen voor de aflossing van het hoofdbedrag en de interestbetalingen, gedisconteerd aan marktconforme interestvoeten op de balansdatum. Met uitzondering van de obligatielening, zijn de boekwaarden van de financiële verplichtingen een zeer goede benadering van reële waarde gezien het gaat over zeer kortlopende verplichtingen. De reële waarde van de obligatielening is de genoteerde marktprijs op de balansdatum. Met betrekking tot financiële leaseverplichtingen werd de interestvoet bepaald met referentie tot gelijkaardige lease-overeenkomsten.
Gegevens gebruikt voor de reële-waardebepalingen van financiële instrumenten geboekt tegen reële waarde, zijn geclassificeerd in de reële waardetabel hierna volgens niveau van betekenis. De reële waardetabel heeft volgende hiërarchische niveaus:
| 31 december 2010 | 31 december 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Hiërarchie van reële waardeberekeningen |
Hiërarchie van reële waardeberekeningen |
||||||
| MILJOEN EURO |
Niveau 1 |
Niveau 2 |
Niveau 3 |
Niveau 1 |
Niveau 2 |
Niveau 3 |
|
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop | |||||||
| Gewaardeerd tegen reële waarde | 1 | - | - | 2 | - | - | |
| Financiële activa en verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde via de winst- en verliesrekening |
|||||||
| Geclassificeerd als aangehouden voor handelsdoeleinden | |||||||
| Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen: | |||||||
| Activa | - | 1 | - | - | - | - | |
| Verplichtingen | - | - | - | - | - | - | |
| Swapcontracten aangeduid als kasstroomafdekkingen: | - | ||||||
| Activa | - | 3 | - | - | 5 | - | |
| Verplichtingen | - | - | - | - | - | - | |
| Termijnwisselverrichtingen niet aangeduid als afdekkingsinstrumenten in een afdekkingsrelatie: |
|||||||
| Activa | - | 5 | - | - | 3 | - | |
| Verplichtingen | - | (1) | - | - | (2) | - | |
| Rente- en deviezenswap niet aangeduid als afdekkingsinstrumenten in een afdekkingsrelatie: |
|||||||
| Activa | - | 1 | - | - | - | - | |
| Verplichtingen | - | - | - | - | - | - | |
| Geclassificeerd als gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening: |
3 | - | - | 2 | - | - |
| Leningen en vorderingen |
Tot einde looptijd aangehouden beleggingen |
beschikbaar voor Financiële activa verkoop |
handelsdoeleinden aangehouden voor Financiële activa (derivaten enkel) |
geamortiseerde plichtingen aan Financiële ver kostprijs |
TOTAAL | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 5 | - | - | - | - | 5 | ||
| - | - | - | - | (15) | (15) | ||
| 13 | - | - | - | - | 13 | ||
| - | - | 1 | 3 | - | 4 | ||
| (31) | - | - | - | - | (31) | ||
| 11 | - | 2 | - | - | 13 | ||
| - | - | - | - | - | - | ||
| 2010 |
| 2009 | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO |
Leningen en vorderingen |
Tot einde looptijd aangehouden beleggingen |
beschikbaar voor Financiële activa verkoop |
handelsdoeleinden aangehouden voor Financiële activa (derivaten enkel) |
geamortiseerde plichtingen aan Financiële ver kostprijs |
TOTAAL | |||
| Renteopbrengsten | 4 | - | - | - | - | 4 | |||
| Rentekosten | - | - | - | - | (25) | (25) | |||
| Inkomsten uit financiële leaseovereenkomsten | 13 | - | - | - | - | 13 | |||
| Veranderingen in reële waarde | - | - | - | (1) | - | (1) | |||
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | (31) | - | (6) | - | - | (37) | |||
| Opbrengsten uit terugnames van bijzondere waardeverminderingsverliezen |
10 | - | - | - | - | 10 | |||
| Winsten en verliezen uit verkopen | (1) | - | (7) | - | 2 | (6) |
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Valutakoersverschillen | 240 | 173 |
| Wijzigingen in reële waarde van financiële instrumenten | 5 | 27 |
| Winsten uit de in 2009 doorgevoerde wijzigingen aan pensioen- en soortgelijke plannen | - | 17 |
| Terugname van niet-gebruikte voorzieningen geboekt in voorgaande jaren | 24 | 24 |
| Baten uit financiële leases | 13 | 13 |
| Terugname van bijzondere waardeverminderingsverliezen op vorderingen | 11 | 10 |
| Winst uit verkoop van materiële vaste activa en vaste activa aangehouden voor verkoop | 8 | 1 |
| Negatieve goodwill n.a.v. de aankoop van Gandi | 4 | - |
| Doorrekening naar klanten | 11 | 8 |
| Diverse overige opbrengsten | 20 | 36 |
| TOTAAL | 336 | 309 |
Wijzigingen in de reële waarde van financiële instrumenten hebben voornamelijk betrekking op veranderingen in reële waarde van derivaten die niet toegewezen zijn als afdekkingsinstrumenten doch economische indekkingen zijn van operationele activiteiten (2010: 1 miljoen euro; 2009: 26 miljoen euro), en op winsten voortvloeiend uit de ineffectiviteit van derivaten toegewezen als kasstroomafdekkingen (2010: 4 miljoen euro; 2009: 1 miljoen euro).
Inkomsten uit doorbelastingen aan klanten bevatten voornamelijk doorbelastingen van vrachtkosten en kosten van onderzoek en ontwikkeling.
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Valutakoersverschillen | 230 | 168 |
| Reorganisatiekosten | 26 | 36 |
| Wijzigingen in reële waarde van financiële instrumenten | 5 | 31 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op vorderingen | 30 | 31 |
| Verlies bij buitengebruikstelling van vaste activa | 1 | 1 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op immateriële activa | 1 | 1 |
| Voorzieningen | 4 | - |
| Kosten van operationele en financiële leasing | 1 | 1 |
| Bankkosten | 3 | 3 |
| Diverse overige kosten | 38 | 34 |
| TOTAAL | 339 | 306 |
Wijzigingen in de reële waarde van financiële instrumenten hebben voornamelijk betrekking op veranderingen in reële waarde van derivaten die niet toegewezen zijn als afdekkingsinstrumenten (2010: 1 miljoen euro; 2009: 31 miljoen euro) en op verliezen voortvloeiend uit de ineffectiviteit van derivaten toegewezen als kasstroomafdekkingen (2010: 4 miljoen euro; 2009: 0 miljoen euro).
In 2010 registreerde de Groep reorganisatiekosten ten belope van 26 miljoen euro (2009: 36 miljoen euro). Deze kosten omvatten opzeggingsvergoedingen ten belope van 16 miljoen euro (2009: 32 miljoen euro).
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Renteopbrengsten | ||
| Op bankdeposito's | 3 | 3 |
| Totaal renteopbrengsten | 3 | 3 |
| Rentekosten op financiële schulden gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs | ||
| Op bankleningen | (5) | (11) |
| Op obligatielening | (9) | (9) |
| Totaal rentekosten op financiële schulden gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs |
(14) | (20) |
| Overige financiële opbrengsten | ||
| Valutakoersverschillen | 241 | 134 |
| Financiële activa gewaardeerd aan reële waarde met reële waardeveranderingen geboekt in de winst- en verliesrekening, aangehouden voor handelsdoeleinden: |
||
| Nettoveranderingen in de reële waarde van afgeleide financiële instrumenten niet toegewezen als afdekkingsinstrumenten |
71 | 9 |
| Leningen en vorderingen: | ||
| Renteopbrengsten op handels- en overige vorderingen | 2 | 1 |
| Financiële schulden gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs: | ||
| Resultaat op gedeeltelijke aflossing van de obligatielening | 0 | 2 |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop: | ||
| Terugname van bijzondere waardeverminderingsverliezen op financiële activa beschikbaar voor verkoop |
2 | 0 |
| Totaal overige financiële opbrengsten | 316 | 146 |
| Overige financiële kosten | ||
| Pensioenlast van de periode die als overige financiële opbrengsten/(kosten) wordt behandeld en renteaandeel op overige rentedragende verplichtingen1 |
(73) | (74) |
| Valutakoersverschillen | (244) | (139) |
| Leningen en vorderingen: | ||
| Bijzonder waardeverminderingsverlies op leningen | (1) | |
| Financiële schulden gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs: | ||
| Rentekosten op financiële schulden die geen deel uitmaken van de netto financiële schuldpositie |
(1) | (5) |
| Rentekosten op overige schulden | (3) | |
| Financiële activa gewaardeerd aan reële waarde met reële waardeveranderingen geboekt in de winst- en verliesrekening, aangehouden voor handelsdoeleinden: |
||
| Nettoveranderingen in de reële waarde van afgeleide financiële instrumenten niet toegewezen als afdekkingsinstrumenten |
(68) | (6) |
| Financiële activa beschikbaar voor verkoop: | ||
| Verliezen op de verkoop van effecten beschikbaar voor verkoop | - | (7) |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op financiële activa beschikbaar voor verkoop |
- | (6) |
| Overige financieringslasten | (9) | (6) |
| Totaal overige financiële kosten | (399) | (243) |
(1) Het renteaandeel op overige rentedragende verplichtingen omvat voornamelijk de interesten op de verplichtingen voor brugpensioen. (2) Bovenvermelde nettofinancieringslasten bevatten volgende renteopbrengsten en rentekosten uit financiële activa en verplichtingen die niet geclassificeerd zijn in de categorie financiële activa en verplichtingen tegen reële waarde met waardeveranderingen opgenomen in de winst- en verliesrekening.
| Totale renteopbrengsten op financiële activa | 5 | 4 |
|---|---|---|
| Totale rentekosten op financiële verplichtingen | (15) | (25) |
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Over de verslagperiode verschuldigde winstbelastingen | 27 | 14 |
| Uitgestelde winstbelastingen | 9 | 35 |
| Winstbelastingen | 36 | 49 |
| MILJOEN EURO |
Basis waarop het toepasselijke belastingtarief is berekend |
Belastinglasten/ (-baten) |
Belastingtarief |
|---|---|---|---|
| Winst voor belastingen en voor consolidatieboekingen | 341 | 42 | 12,32% |
| Consolidatieboekingen (voornamelijk met betrekking tot intragroeps dividenden en verschuivingen van deelnemingen binnen de Groep) |
(201) | (6) | |
| Winst/(verlies) voor belastingen | 140 | 36 | 25,71% |
| MILJOEN EURO |
Voor consolidatie boekingen |
Consolidatie boekingen |
Na consolidatie boekingen |
|---|---|---|---|
| Winst voor belastingen en voor consolidatieboekingen | 341 | (201) | 140 |
| Het product van de winst voor belastingen en het toepasselijke belastingtarief |
109 | (63) | 46 |
| Toepasselijke belastingtarief1 | 31,96% | 32,86% | |
| Fiscaal niet aftrekbare lasten | 7 | 7 | |
| Impact van fiscaal verrekenbare tegoeden en andere verminderingen van de belastbare basis |
(26) | (26) | |
| Fiscaal vrijgestelde opbrengsten (dividenden en winsten op de verkoop van aandelen) |
(57) | 57 | - |
| Impact belastingcontroles | 3 | 3 | |
| Ongebruikte voorwaartse verliescompensatie waarvoor geen uitgestelde belastingvordering werd opgenomen |
8 | 8 | |
| Impact gebruikte fiscale verliezen in 2010 waarvoor in het verleden geen uitgestelde belastingvordering werd opgenomen |
(3) | (3) | |
| Tegenboeking van voorheen geboekte uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen: voornamelijk met betrekking tot fiscale verliezen |
10 | 10 | |
| Uitgestelde belastingvorderingen erkend op verliezen van vorige jaren | (10) | (10) | |
| Impact van dividenden binnen de Groep | 2 | 2 | |
| Overige | (1) | (1) | |
| Effectieve winstbelastingen | 42 | (6) | 36 |
| Gemiddelde effectieve belastingtarief | 25,71% |
(1) Het toepasselijke belastingtarief is het gewogen gemiddelde belastingtarief van de Onderneming en al haar geconsolideerde dochterondernemingen.
| MILJOEN EURO |
Basis waarop het toepasselijke belastingtarief is berekend |
Belastinglasten/ (-baten) |
Belastingtarief |
|---|---|---|---|
| Winst voor belastingen en voor consolidatieboekingen | 87 | 47 | 54,02% |
| Consolidatieboekingen (voornamelijk met betrekking tot intragroepsdividenden) |
(31) | 2 | |
| Winst/(verlies) voor belastingen | 56 | 49 | 87,50% |
| MILJOEN EURO |
Voor consolidatie boekingen |
Consolidatie boekingen |
Na consolidatie boekingen |
|---|---|---|---|
| Winst voor belastingen en voor consolidatieboekingen | 87 | (31) | 56 |
| Het product van de winst voor belastingen en het toepasselijke belastingtarief |
26 | (10) | 16 |
| Toepasselijke belastingtarief1 | 29,89% | 28,57% | |
| Fiscaal niet aftrekbare lasten | 7 | 7 | |
| Fiscaal vrijgestelde opbrengsten (dividenden) | (12) | 12 | - |
| Belastingimpact op verliezen schatkistcertificaten | 2 | 2 | |
| Ongebruikte voorwaartse verliescompensatie waarvoor geen uitgestelde belastingvordering werd opgenomen |
45 | 45 | |
| Impact gebruikte fiscale verliezen in 2009 waarvoor in het verleden geen uitgestelde belastingvordering werd opgenomen |
(5) | (5) | |
| Tegenboeking van voorheen geboekte uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen: voornamelijk met betrekking tot fiscale verliezen |
2 | 2 | |
| Uitgestelde belastingvorderingen erkend op verliezen van vorige jaren | (2) | (2) | |
| Impact van ongebruikte achterwaartse verliescompensatie | (12) | (12) | |
| Overige | (4) | (4) | |
| Effectieve winstbelastingen | 47 | 2 | 49 |
| Gemiddelde effectieve belastingtarief | 87,50% |
(1) Het toepasselijke belastingtarief is het gewogen gemiddelde belastingtarief van de Onderneming en al haar geconsolideerde dochterondernemingen.
De uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen kunnen als volgt worden toegewezen:
| 31 december 2010 | 31 december 2009 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO |
Activa | Verplich tingen |
Netto | Activa | Verplich tingen |
Netto |
| Immateriële activa | 136 | 46 | 90 | 157 | 50 | 107 |
| Materiële vaste activa | 10 | 29 | (19) | 11 | 27 | (16) |
| Investeringen | 8 | - | 8 | 8 | - | 8 |
| Voorraden | 21 | 1 | 20 | 14 | 2 | 12 |
| Vorderingen | 9 | 8 | 1 | 7 | 9 | (2) |
| Voorzieningen en verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding |
41 | 41 | - | 41 | 35 | 6 |
| Andere vlottende activa & overige verplichtingen | 12 | 10 | 2 | 9 | 15 | (6) |
| Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen met betrekking tot tijdelijke verschillen |
237 | 135 | 102 | 247 | 138 | 109 |
| Niet-gecompenseerde fiscale verliezen | 65 | - | 65 | 66 | - | 66 |
| Ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden | 8 | - | 8 | 5 | - | 5 |
| Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen voor saldering |
135 | 175 | 318 | 138 | 180 | |
| Saldering | 64 | (64) | - | (65) | (65) | - |
| Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen | 246 | 71 | 175 | 253 | 73 | 180 |
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden gecompenseerd als ze betrekking hebben op winstbelastingen geheven door dezelfde belastingautoriteit.
Uitgestelde belastingvorderingen worden erkend wanneer er voldoende zekerheid is over de beschikbaarheid van toekomstige belastbare winsten om de tijdelijke verschillen, niet-gecompenseerde fiscale verliezen en ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden te kunnen gebruiken. De Groep beoordeelt op geregelde tijdstippen de realiseerbaarheid van haar uitgestelde belastingvorderingen, voornamelijk op basis van de langetermijnplanning voor de bedrijfssegmenten Graphics en HealthCare en rekening houdend met de winsten uit het verleden en geschatte toekomstige fiscale winsten van de betreffende geconsolideerde entiteiten. Andere parameters zoals het verwachte tijdstip van de afwikkeling van bestaande tijdelijke verschillen en strategieën inzake planning van de fiscale winst worden eveneens bij deze beoordeling in aanmerking genomen.
Belangrijke wijzigingen aan bedrijfsplannen en/of goederen- en dienstenstromen die de fiscale winsten of verliezen van bepaalde entiteiten van de Groep beïnvloeden kunnen de realisatie van uitgestelde belastingvorderingen impacteren. Verschillen die ontstaan tussen reële resultaten en gemaakte assumpties of toekomstige veranderingen aan dergelijke assumpties, kan resulteren in het tegenboeken van bepaalde uitgestelde belastingvorderingen wat aanleiding geeft tot een verhoogd effectief belastingtarief voor de Groep.
Voor de niet-gecompenseerde fiscale verliezen, de ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden en tijdelijke verschillen werden geen uitgestelde belastingvorderingen opgenomen voor onderstaande bedragen omdat het niet waarschijnlijk is dat er toekomstige fiscale winst beschikbaar zal zijn waarmee deze kunnen worden verrekend:
De impact van de uitgestelde belastingvordering op de ongebruikte tijdelijke verschillen, de ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden en de niet-gecompenseerde fiscale verliezen vervalt als volgt:
| MILjoeN EURO | Tijdelijke verschillen | Fiscale verliezen | Belastingkredieten | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Vervalt in: | ||||
| 2011 | - | - | - | - |
| 2012 | - | - | - | - |
| 2013 | - | - | 2 | 2 |
| 2014 | - | 1 | - | 1 |
| 2015 | - | 1 | 3 | 4 |
| na | - | 6 | 22 | 28 |
| Zonder vervaldag | 57 | 175 | 27 | 259 |
| Totaal | 57 | 183 | 54 | 294 |
| MILJOEN EURO |
31 december 2008 | Wijziging in consolidatiekring | Uitgestelde belastingbaten/(-lasten) | Opgenomen in het eigen vermogen | Valutakoersverschillen | 31 december 2009 | Wijziging in consolidatiekring | Uitgestelde belastingbaten/(-lasten) | Opgenomen in het eigen vermogen | Valutakoersverschillen | 31 december 2010 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Immateriële activa | 134 | (2) | (25) | - | - | 107 | (3) | (15) | - | 1 | 90 |
| Materiële vaste activa | (17) | - | - | - | 1 | (16) | 1 | (3) | - | (1) | (19) |
| Investeringen | 9 | - | - | - | (1) | 8 | - | - | - | - | 8 |
| Voorraden | 13 | - | (1) | - | - | 12 | (1) | 8 | - | 1 | 20 |
| Vorderingen | 2 | - | (5) | - | 1 | (2) | 2 | - | - | 1 | 1 |
| Voorzieningen en verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding |
18 | - | (10) | - | (2) | 6 | - | (8) | - | 2 | - |
| Andere vlottende activa & overige verplichtingen |
(14) | - | 9 | (1) | - | (6) | - | 8 | - | - | 2 |
| Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen met betrekking tot tijdelijke verschillen |
145 | (2) | (32) | (1) | (1) | 109 | (1) | (10) | - | 4 | 102 |
| Niet-gecompenseerde fiscale verliezen | 69 | - | (3) | - | - | 66 | - | (2) | - | 1 | 65 |
| Ongebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden | 5 | - | - | - | - | 5 | - | 3 | - | - | 8 |
| Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen |
219 | (2) | (35) | (1) | (1) | 180 | (1) | (9) | - | 5 | 175 |
| Immateriële activa met onbepaalde gebruiksduur |
Immateriële activa met een beperkte gebruiksduur |
|||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO |
Goodwill | Merknamen | ontwikkelingskosten Geactiveerde |
Technologie | Cliëntencontracten en -relaties |
Merknamen | informatiesystemen Management |
Industriële eigendomsrechten en andere licenties |
op immateriële activa Vooruitbetalingen |
TOTAAL |
| Aanschaffingswaarde per 31 december 2008 | 535 | 17 | 33 | 202 | 90 | 5 | 93 | 88 | - | 1.063 |
| Valutakoersverschillen | 13 | - | 1 | 2 | 1 | - | (1) | (1) | - | 15 |
| Wijziging in consolidatiekring | 6 | - | - | 7 | - | - | - | - | - | 13 |
| Investeringsuitgaven | - | - | 2 | - | - | - | 1 | 15 | - | 18 |
| Buitengebruikstellingen | (1) | - | - | - | (1) | - | - | (30) | - | (32) |
| Overboekingen | - | - | - | - | - | - | - | 1 | - | 1 |
| Aanschaffingswaarde per 31 december 2009 | 553 | 17 | 36 | 211 | 90 | 5 | 93 | 73 | - | 1.078 |
| Valutakoersverschillen | 31 | - | (1) | 3 | 1 | - | 3 | (2) | - | 35 |
| Wijziging in consolidatiekring | 9 | - | - | - | 7 | 8 | - | - | - | 24 |
| Investeringsuitgaven | - | - | 4 | - | 4 | - | 1 | 3 | - | 12 |
| Buitengebruikstellingen | - | - | - | - | - | - | - | (6) | - | (6) |
| Overboekingen | - | - | - | - | - | - | 4 | 1 | - | 5 |
| Aanschaffingswaarde per 31 december 2010 | 593 | 17 | 39 | 214 | 102 | 13 | 101 | 69 | - | 1.149 |
| Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen per 31 december 2008 |
83 | 4 | 14 | 98 | 57 | 4 | 83 | 73 | - | 416 |
| Valutakoersverschillen | 2 | - | - | 2 | - | - | (1) | (1) | - | 2 |
| Wijziging in consolidatiekring | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Afschrijvingen van het jaar | - | - | 7 | 13 | 3 | 1 | 4 | 5 | - | 33 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | - | - | - | - | - | - | - | 1 | - | 1 |
| Buitengebruikstellingen | - | - | - | - | - | - | - | (22) | - | (22) |
| Overboekingen | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen per 31 december 2009 |
85 | 4 | 21 | 113 | 60 | 5 | 86 | 56 | - | 430 |
| Valutakoersverschillen | 5 | - | - | 2 | - | - | 3 | (1) | - | 9 |
| Wijziging in consolidatiekring | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Afschrijvingen van het jaar | - | - | 6 | 13 | 3 | - | 5 | 4 | - | 31 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Buitengebruikstellingen | - | - | - | - | - | - | - | (1) | - | (1) |
| Overboekingen | - | - | (1) | - | - | - | - | 1 | - | - |
| Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen per 31 december 2010 |
90 | 4 | 26 | 128 | 63 | 5 | 94 | 59 | - | 469 |
| Boekwaarde per 31 december 2008 | 452 | 13 | 19 | 104 | 33 | 1 | 10 | 15 | - | 647 |
| Boekwaarde per 31 december 2009 | 468 | 13 | 15 | 98 | 30 | 0 | 7 | 17 | - | 648 |
| Boekwaarde per 31 december 2010 | 503 | 13 | 13 | 86 | 39 | 8 | 7 | 10 | - | 680 |
Investeringsuitgaven voor immateriële activa bedragen 12 miljoen euro, en bevat de cliëntencontracten en -relaties die Agfa Graphics NV verworven heeft van haar zakenpartner Shenzhen Brothers voor een bedrag van 4 miljoen euro.
De immateriële activa zijn bovendien met 24 miljoen euro toegenomen door overnames, waarvan 20 miljoen euro betrekking heeft op de overname van Harold M. Pitman Company. De resterende 4 miljoen euro betreft goodwill
op 50% van de aandelen van PlanOrg Medica GmbH die in juni 2010 verworven zijn. Meer informatie wordt verstrekt onder toelichting 6.
Op het einde van 2010, heeft de Groep haar goodwill en immateriële activa met onbepaalde gebruiksduur, zijnde merknamen volledig toegewezen aan het operationele segment HealthCare, getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. Bovendien heeft de Groep onderzocht of er een indicatie was die wijst op een mogelijke bijzondere waardevermindering op 31 december 2010 voor de immateriële activa met beperkte gebruiksduur. In 2010 waren er geen indicaties tot mogelijke bijzondere waardevermindering.
Het management van de Groep heeft op het einde van 2010 beoordeeld of de gebruiksduur van haar belangrijkste immateriële activa nog terecht is. Dit resulteerde niet in een herziening van de afschrijvingstermijnen. In rubriek (B) worden de onderliggende veronderstellingen van de gebruiksduur verder toegelicht.
Voor de jaarrekening van de Groep wordt de goodwill jaarlijks onderzocht op bijzondere waardevermindering, en telkens er een aanwijzing is die wijst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. In het kader van het onderzoek op bijzondere waardevermindering is goodwill toegerekend aan een kasstroomgenererende eenheid. Overeenkomstig de definitie van kasstroomgenererende eenheid, heeft het management van de Groep, de te rapporteren segmenten als kasstroomgenererende eenheden geïdentificeerd, zijnde Graphics, HealthCare en Specialty Products. Het te rapporteren segment vertegenwoordigt het laagste niveau binnen de Groep waarop goodwill opgevolgd wordt voor interne managementdoeleinden. Goodwill wordt getoetst voor bijzondere waardevermindering door vergelijking van de boekwaarde van elke kasstroomgenererende eenheid met haar realiseerbare waarde. De realiseerbare waarde van de kasstroomgenererende eenheid is bepaald aan de hand van de berekende bedrijfswaarde.
De bedrijfswaarde wordt bepaald als de contante waarde van verwachte toekomstige kasstromen welke worden afgeleid van de huidige lange termijnplanning van de Groep. De disconteringsvoet die gebruikt wordt in de bepaling van de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen is een disconteringsvoet die gebaseerd is op een gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC). Deze gewogen gemiddelde kapitaalkost is gebaseerd op een vooropgestelde verhouding vreemd vermogen versus eigen vermogen van 60/40 gezien de specifieke financieringsstructuur van de Groep. De kost van vreemd vermogen is gebaseerd op voorwaarden die vergelijkbare bedrijven voor hun langetermijnfinanciering zouden kunnen negociëren.
De disconteringsvoet voor belastingen is afgeleid van de gewogen gemiddelde kapitaalkost bij wijze van iteratie.
Het risico verbonden aan de verwachtingen van de prijsevoluties van zilver en aluminium werd verrekend in de toekomstige kasstromen.
Per 31 december 2010 omvat de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid Graphics goodwill ten bedrage van 34 miljoen euro.
Per jaareinde 2010, heeft de Groep de goodwill behorende tot de kasstroomgenererende eenheid Graphics getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. Rekening houdend met de gebruikte veronderstellingen is de bedrijfswaarde van de eenheid groter dan haar boekwaarde en is er geen bijzondere waardevermindering geboekt.
De bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid Graphics is bepaald op basis van kasstroomvoorspellingen over de komende vijf jaar. De kasstroomprognoses werden bepaald op basis van een formeel door de Raad van Bestuur goedgekeurd strategisch bedrijfsplan. Na vijf jaar wordt de residuele waarde van de kasstroomgenererende eenheid bepaald, rekening houdend met een groeivoet van 0,0% in de 'prepress'-activiteit, van 3,0% in de 'inkjet' toepassingen en een groeivoet van 2,0% in de verpakkingsactiviteiten.
De belangrijkste veronderstellingen gebruikt in de beoordeling van een mogelijke bijzondere waardevermindering zijn bepaald door het management van het segment Graphics en zijn gebaseerd op prestaties uit het verleden en de verwachtingen inzake marktontwikkeling.
Volgende belangrijke veronderstellingen werden gemaakt:
Er werd een sensitiviteitsanalyse uitgevoerd waarbij het effect onderzocht werd van een redelijkerwijs mogelijke wijziging in een belangrijke gehanteerde veronderstelling op de bedrijfswaarde van de eenheid zoals een substantieel verhoogde zilverprijs of wijzigingen van de gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC). De uitgevoerde gevoeligheidsanalyse is gebaseerd op een aanzienlijke stijging van de zilverprijs (+5 US dollar over de langetermijnperiode) en een stijging van 100 basispunten van de gewogen gemiddelde kapitaalkost. Deze gecombineerde wijziging van beide parameters geeft geen aanleiding tot het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies. Op basis van voornoemde gevoeligheidsanalyse is het management ervan overtuigd dat een redelijkerwijs mogelijke wijziging in een belangrijke veronderstelling waarop management zijn bepaling van de realiseerbare waarde van de eenheid heeft gebaseerd, geen aanleiding zal geven tot het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies. Er dient tevens vermeld te worden dat de Groep het effect van gestegen zilverprijzen op haar financiële positie zal trachten te verlichten onder andere door verkoopprijsaanpassingen en door het nemen van kostenbesparingsmaatregelen, afhankelijk van de omvang van de grondstoffenprijsstijgingen, van de evolutie van de geldende muntkoersen en de algemene marktomstandigheden.
Per 31 december 2010 omvat de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid HealthCare goodwill ten belope van 468 miljoen euro.
Per jaareinde 2010, heeft de Groep de goodwill behorende tot de kasstroomgenererende eenheid HealthCare getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. Rekening houdend met de gebruikte veronderstellingen is de bedrijfswaarde van de eenheid groter dan haar boekwaarde en is er geen bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt.
De bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid HealthCare wordt bepaald op basis van kasstroomvoorspellingen over de komende vijf jaar. De kasstroomprognoses werden bepaald op basis van een formeel door de Raad van Bestuur goedgekeurd strategisch bedrijfsplan. Na vijf jaar wordt de residuele waarde van de kasstroomgenererende eenheid bepaald, rekening houdend met een groeivoet voor de divisie Information Technology Solutions (IT) van 2,3% en een negatieve groeivoet voor de divisie Imaging Systems van 1,3%.
De belangrijkste veronderstellingen gebruikt in de beoordeling van een mogelijke bijzondere waardevermindering zijn bepaald door het management van het te rapporteren segment HealthCare en zijn gebaseerd op prestaties uit het verleden en de verwachtingen inzake marktontwikkeling.
Deze zijn als volgt:
p Groeivoet gehanteerd voor de berekening van de residuele waarde (na vijf jaar): 2,3% voor IT-oplossingen (2009: 2,3%) en -1,3% voor Imaging Systems (2009: -5,1%).
p Zilverprijzen variëren tussen 20 en 30 USD/Troz. (2009: 16,8 USD/Troz). Op deze zilverprijzen werd een sensitiviteitsanalyse uitgevoerd (zie verder).
Er werd een sensitiviteitsanalyse uitgevoerd waarbij het effect onderzocht werd van een redelijkerwijs mogelijke wijziging in een belangrijke gehanteerde veronderstelling op de bedrijfswaarde van de eenheid zoals een substantieel verhoogde zilverprijs of wijzigingen van de gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC). De uitgevoerde gevoeligheidsanalyse is gebaseerd op een aanzienlijke stijging van de zilverprijs (+5 US dollar over de langetermijnperiode) en een stijging van 100 basispunten van de gewogen gemiddelde kapitaalkost. Deze gecombineerde wijziging van beide parameters geeft geen aanleiding tot het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies. Op basis van voornoemde gevoeligheidsanalyse is het management ervan overtuigd dat een redelijkerwijs mogelijke wijziging in een belangrijke veronderstelling waarop management zijn bepaling van de realiseerbare waarde van de eenheid heeft gebaseerd, geen aanleiding zal geven tot het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies. Er dient tevens vermeld te worden dat de Groep het effect van gestegen zilverprijzen op haar financiële positie zal trachten te verlichten onder andere door verkoopprijsaanpassingen en door het nemen van kostenbesparingsmaatregelen, afhankelijk van de omvang van de grondstoffenprijsstijgingen, van de evolutie van de geldende muntkoersen en de algemene marktomstandigheden.
Per 31 december 2010 omvat de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid Specialty Products goodwill ten bedrage van 1 miljoen euro.
Voor de kasstroomgenererende eenheid Specialty Products is de berekende bedrijfswaarde groter dan haar boekwaarde. De bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid Specialty Products wordt bepaald op basis van verwachte kasstromen over de komende vijf jaar. De verwachte kasstromen zijn bepaald op basis van een formeel door de Raad van Bestuur goedgekeurd plan. Het vijfjarenplan van het bedrijfssegment Specialty Products voorziet een groei in nieuwe activiteiten op basis van Agfa's kerncompetenties (materialen voor identiteitsdocumenten, geleidende polymeren en aanverwante producten, synthetisch papier en membranen voor gebruik bij gasscheiding) welke de verwachte daling in de klassieke filmactiviteit ruimschoots zou moeten compenseren. Het management verwacht bijgevolg een verbetering van de brutowinstmarge.
De gebruiksduur van een immaterieel actief is de periode waarin het actief verwacht wordt bij te dragen, op een directe of op een indirecte wijze, tot de toekomstige kasstromen van de Groep. Verworven technologie en cliëntencontracten en -relaties zijn de meest belangrijke immateriële activa van de Groep.
Voor verworven technologie is de schatting van de resterende gebruiksduur gebaseerd op een analyse van factoren zoals typische productlevenscycli in de industrie en technologische en economische veroudering voortkomende hoofdzakelijk uit verwachte acties van concurrenten en potentiële concurrenten.
Op 31 december 2010 bedroeg de nettoboekwaarde van de door de Groep verworven technologie 86 miljoen euro (2009: 98 miljoen euro). De door de Groep verworven technologie heeft een geschatte gewogen gemiddelde resterende gebruiksduur van ongeveer 10 jaar. De gebruiksduur van immateriële activa wordt regelmatig beoordeeld en herzien indien noodzakelijk.
Voor verworven cliëntencontracten en -relaties is de schatting van de resterende gebruiksduur gebaseerd op ratio's die het verval van cliëntenrelaties weergeven. Voor de schatting van dergelijke ratio's beoordeelt de Groep de waarschijnlijkheid dat bestaande contracten worden hernieuwd. Voor de beoordeling van de waarschijnlijkheid dat bestaande contracten worden hernieuwd, worden de vraag, de concurrentie en andere factoren zoals technologische afhankelijkheid en daarmee verband houdende 'sunk costs' in overweging genomen.
Op 31 december 2010 bedroeg de nettoboekwaarde van de door de Groep verworven cliëntencontracten en -relaties 39 miljoen euro (2009: 30 miljoen euro). De door de Groep verworven cliëntencontracten en -relaties hebben een geschatte gewogen gemiddelde resterende gebruiksduur van ongeveer 12 jaar. De gebruiksduur van immateriële activa wordt regelmatig beoordeeld en herzien indien noodzakelijk.
Hoewel de Groep van oordeel is dat de gebruikte veronderstellingen (zoals de productlevenscycli en de ratio's die het verval van cliëntenrelaties weergeven) geschikt zijn, kunnen belangrijke verschillen in actuele ervaring een impact hebben op de toekomstige afschrijvingslast voor de Groep.
| MILJOEN EURO |
Terreinen, gebouwen en infrastructuur |
Machines en technische uitrusting |
Meubilair en overige materiële vaste activa |
Vaste activa in aanbouw en vooruit betalingen op materiële vaste activa |
TOTAAL |
|---|---|---|---|---|---|
| Aanschaffingswaarde per 31 december 2008 | 362 | 1.466 | 256 | 24 | 2.108 |
| Valutakoersverschillen | - | (6) | - | - | (6) |
| Wijziging in consolidatiekring | - | - | - | - | - |
| Investeringsuitgaven | 1 | 9 | 8 | 16 | 34 |
| Buitengebruikstellingen | (3) | (17) | (23) | - | (43) |
| Overboekingen | - | 15 | 5 | (22) | (2) |
| Aanschaffingswaarde per 31 december 2009 | 360 | 1.467 | 246 | 18 | 2.091 |
| Valutakoersverschillen | 6 | 22 | 7 | - | 35 |
| Wijziging in consolidatiekring | 1 | 1 | 2 | - | 4 |
| Investeringsuitgaven | 3 | 14 | 9 | 22 | 48 |
| Buitengebruikstellingen | (9) | (21) | (15) | - | (45) |
| Overboekingen | 1 | 4 | 0 | (11) | (6) |
| Aanschaffingswaarde per 31 december 2010 | 362 | 1.487 | 249 | 29 | 2.127 |
| Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen per 31 december 2008 |
246 | 1.274 | 219 | - | 1.739 |
| Valutakoersverschillen | (1) | (5) | 1 | - | (5) |
| Wijziging in consolidatiekring | - | - | - | - | - |
| Afschrijvingen van het jaar | 7 | 44 | 18 | - | 69 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | - | - | - | - | - |
| Buitengebruikstellingen | (1) | (16) | (20) | - | (37) |
| Overboekingen | - | (4) | 3 | - | (1) |
| Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen per 31 december 2009 |
251 | 1.293 | 221 | - | 1.765 |
| Valutakoersverschillen | 4 | 16 | 5 | - | 25 |
| Wijziging in consolidatiekring | - | 1 | 1 | - | 2 |
| Afschrijvingen van het jaar | 8 | 42 | 14 | - | 64 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | - | 1 | - | - | 1 |
| Buitengebruikstellingen | (8) | (21) | (13) | - | (42) |
| Overboekingen | - | - | (1) | - | (1) |
| Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen per 31 december 2010 |
255 | 1.332 | 227 | - | 1.814 |
| Boekwaarde per 31 december 2008 | 116 | 192 | 37 | 24 | 369 |
| Boekwaarde per 31 december 2009 | 109 | 174 | 25 | 18 | 326 |
| Boekwaarde per 31 december 2010 | 107 | 155 | 22 | 29 | 313 |
De Groep, als lessee, houdt voornamelijk productie-uitrusting aan onder financiële lease. Op het einde van de leaseperiode heeft de Groep de optie om het actief te kopen tegen een voordelige prijs. Per eind december 2010 bedroeg de boekwaarde van de materiële vaste activa aangehouden onder financiële lease 1 miljoen euro (2009: 1 miljoen euro). Het materieel dat onder financiële lease wordt aangehouden vormt de waarborg voor de leaseverplichtingen (toelichting 21). De leasebetalingen omvatten geen voorwaardelijke leasebetalingen.
De Groep, als lessor, heeft ook een aantal activa onder operationele lease in haar balans opgenomen onder de rubriek 'Overige materiële vaste activa'. De afschrijving van deze activa verloopt conform de normale afschrijvingspolitiek van de Groep. Per eind december 2010 bedroeg de boekwaarde van de materiële vaste activa onder operationele lease 3 miljoen euro (2009: 5 miljoen euro). De minimale leasebetalingen onder niet-opzegbare operationele leaseovereenkomsten worden weergegeven in toelichting 25.
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Tot einde looptijd aangehouden beleggingen | - | - |
| Financiële activa gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening |
3 | 2 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa | 3 | 1 |
| Investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode | 6 | 4 |
| Leningen en vorderingen | 2 | 2 |
| TOTAAL | 14 | 9 |
Voor verkoop beschikbare financiële activa omvatten investeringen, andere dan investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode, en worden geboekt aan reële waarde, met uitzondering van de aandelen die niet op een actieve markt zijn genoteerd en waarvoor de reële waarde niet op een betrouwbare manier kan worden bepaald. Voor verkoop beschikbare financiële activa omvatten voornamelijk beleggingen gewaardeerd aan kostprijs.
Financiële activa gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening omvatten aandelen in een beleggingsmaatschappij en werden bij eerste opname specifiek toegewezen aan deze categorie van financiële activa. Veranderingen in de reële waarde van zowel het financieel actief als de daarmee samenhangende verplichting worden beide opgenomen in de winst- en verliesrekening.
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Grond- en hulpstoffen | 72 | 59 |
| Goederen in bewerking en halfafgewerkte producten | 143 | 129 |
| Afgewerkte producten | 45 | 33 |
| Handelsgoederen inclusief wisselstukken | 260 | 206 |
| Goederen onderweg en andere voorraden | 63 | 56 |
| TOTAAL | 583 | 483 |
De afwaarderingen van de voorraden naar opbrengstwaarde bedroegen 26 miljoen euro in 2010 (2009: 29 miljoen euro). In de geconsolideerde winst- en verliesrekening zijn de afwaarderingen in de kostprijs van verkopen verwerkt.
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Handelsvorderingen | 619 | 592 |
| Financiële activa geclassificeerd als leningen en vorderingen | 253 | 287 |
| Invorderbare minimale leasebetalingen | 112 | 144 |
| Uitgestelde aankoopprijs in het kader van securitisatieprogramma's | 62 | 71 |
| Vorderingen ten opzichte van ondernemingen behorende tot de AgfaPhoto groep | 31 | 33 |
| Verworven rente | 1 | 1 |
| Te ontvangen subsidies | 4 | 4 |
| Overige financiële activa | 43 | 34 |
| Overige activa | 42 | 32 |
| TOTAAL | 914 | 911 |
De blootstelling aan het kredietrisico uit handelsvorderingen van de Groep wordt beschreven in toelichting 7.
Aangezien de Groep over een brede klantenportefeuille beschikt, waren er in 2010 geen signifante concentraties van kredietrisico. Verdere informatie met betrekking tot het maximale kredietrisico per categorie van financiële activa wordt verschaft in toelichting 7.
Lease-overeenkomsten waarbij de tegenpartij, de lessee, als economische eigenaar van het actief wordt beschouwd, worden opgenomen als vordering voor een bedrag gelijk aan de contante waarde van de toekomstige minimale leasebetalingen. De contante waarden van de toekomstige minimale leasebetalingen bedroegen 117 miljoen euro (2009: 151 miljoen euro) per 31 december 2010 en zullen tot aan het einde van de leaseperiode financieringsbaten voor een bedrag van 13 miljoen euro genereren (2009: 17 miljoen euro). Per 31 december 2010 bedroegen de bijzondere waardeverminderingsverliezen op deze vorderingen 5 miljoen euro (2009: 7 miljoen euro).
| 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO |
Totaal van de toekomstige minimale lease betalingen |
Onverdiende financierings baten |
Contante waarde van de toekomstige minimale lease betalingen |
Totaal van de toekomstige minimale lease betalingen |
Onverdiende financierings baten |
Contante waarde van de toekomstige minimale lease betalingen |
|
| Niet later dan één jaar | 55 | 6 | 49 | 72 | 8 | 64 | |
| Later dan één jaar en niet later dan vijf jaar |
74 | 7 | 67 | 95 | 9 | 86 | |
| Later dan vijf jaar | 1 | - | 1 | 1 | - | 1 | |
| TOTAAL | 130 | 13 | 117 | 168 | 17 | 151 |
De minimale leasebetalingen zijn als volgt:
De Groep sluit voor bepaalde uitrusting financiële lease-overeenkomsten af voornamelijk via Agfa Finance NV en haar filialen en via Agfa-verkooporganisaties in Latijns-Amerika.
Bij het aangaan van de lease-overeenkomst bedraagt de contante waarde van de minimale leasebetalingen doorgaans ten minste 90% van de reële waarde van de activa die onder een financiële lease worden aangehouden.
Het overgrote deel van de lease-overeenkomsten afgesloten met Agfa Finance hebben een niet-opzegbare leaseperiode van vier jaar. Meestal voorzien de overeenkomsten in een koopoptie voor het actief na het verstrijken van de leaseperiode aan een waarde die doorgaans tussen de 2% en 5% van de bruto-investering bij het afsluiten van de leaseovereenkomst bedraagt. In sommige gevallen wordt de reële waarde van het actief terugbetaald door middel van een koopverplichting voor verbruiksgoederen aan een hogere waarde dan hun marktwaarde. In dit geval dient de toeslag hoog genoeg te zijn om het initieel door de lessor geïnvesteerde bedrag te dekken. In deze overeenkomsten kan de toeslag en/of de leaseperiode veranderd worden.
Agfa Finance biedt haar diensten aan via haar dochterondernemingen in de Verenigde Staten, Canada, Frankrijk, Italië en Polen en haar bijkantoren in Europa (Spanje, Zwitserland, Benelux, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en de Scandinavische landen) en Japan. Per 31 december 2010 bedroeg voor Agfa Finance de contante waarde van de minimale leasebetalingen 115 miljoen euro (2009: 151 miljoen euro).
Agfa-verkooporganisaties in Brazilië, Mexico, Argentinië en Colombia bieden hun klanten financiering aan voor grafische uitrusting met een gemiddelde resterende leaseperiode van twaalf maanden. Per 31 december 2010 bedroeg de contante waarde van de minimale leasebetalingen 2 miljoen euro.
In 2010 heeft de Groep een deel van de leaseportfolio ter waarde van 23 miljoen euro verkocht.
In de loop van 2009 heeft de Groep twee securitisatieprogramma's opgestart: één voor de Graphics activiteit en een ander voor de HealthCare activiteit. In het kader van deze programma's heeft de Groep verschillende overeenkomsten afgesloten met een consortium van drie banken. Hierdoor beschikt de Groep tot en met juni 2011 over een maximum financieringscapaciteit van 160 miljoen euro. Per 31 december 2010 was 38 miljoen euro van deze financieringscapaciteit benut.
De verschillende overeenkomsten die in het kader van de securitisatieprogamma's werden afgesloten omvatten een aankoopovereenkomst die een werkelijke verkoop van vorderingen vertegenwoordigt. De risico's en voordelen die in verband met deze overeenkomst worden overgedragen, werden beoordeeld op basis van de risico's in zake variabiliteit in bedrag en tijdstip van de nettokasstromen waaraan de Groep wordt blootgesteld, zowel voor als na de overdracht van vorderingen.
Voornoemde overeenkomst voorziet in periodieke betalingen die een initiële aankoopprijs omvat die bij elke verkooptransactie wordt bepaald en een mechanisme van uitgestelde aankoopprijs dat voornamelijk rekening houdt met het risico op verwatering.
Per 31 december 2010 bedraagt de vordering 62 miljoen euro, die resulteert uit het mechanisme van uitgestelde aankoopprijs en het tijdsverschil tussen de verkoopdatum en de betaaldatum van de verkochte vorderingen.
In het kader van de verkoop van haar Consumer Imaging activiteiten aan de AgfaPhoto groep van vennootschappen heeft de Groep toegestemd om voor een beperkte periode te opereren als een dienstverlener en distributeur voor de AgfaPhoto groep van vennootschappen.
Sinds het failissement van AgfaPhoto GmbH werden met verschillende curatoren in verschillende landen dadingen overeengekomen, terwijl de curator van AgfaPhoto GmbH in december 2007 een aanvraag tot arbitrage indiende bij het ICC Internationale Arbitragehof in Parijs, Frankrijk, in verband met een geschil over dergelijke openstaande saldi.
In 2008 diende de curator van AgfaPhoto Austria Ges.m.b.H. eveneens een aanvraag tot arbitrage in bij het ICC Internationale Arbitragehof, met betrekking tot een geschil over de openstaande saldi betreffende de distributie-, leverings- en dienstenovereenkomsten in Oostenrijk.
Beide ICC arbitrageprocedures zijn nog lopende.
De Groep heeft voldoende voorzieningen en afwaarderingen op uitstaande vorderingen geboekt voor waarschijnlijke verliezen die verband houden met de verschillende distributie-, leverings- en dienstenovereenkomsten.
| MILjO eN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Terreinen en gebouwen | - | 1 |
De verkoop van terreinen, aangehouden voor verkoop op het einde van 2009, genereerde in het vierde kwartaal van 2010 kasontvangsten ten belope van 5 miljoen euro. De winst op deze verkoop bedroeg 4 miljoen euro en is in de geconsolideerde resultatenrekening gepresenteerd onder de rubriek 'Overige bedrijfsopbrengsten' (toelichting 8).
De geldmiddelen en kasequivalenten omvatten de volgende bestanddelen:
| MILjO eN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Effecten beschikbaar voor verkoop | - | 1 |
| Kas, depositorekeningen en cheques | 239 | 118 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten zoals gerapporteerd in de geconsolideerde balans | 239 | 119 |
| Vorderingen ingevolge liquiditeitsovereenkomst (in de balans opgenomen onder de rubriek Overige vorderingen) |
- | 1 |
| Schulden ingevolge liquiditeitsovereenkomst (in de balans opgenomen onder de rubriek Overige verplichtingen) |
(1) | (2) |
| Geldmiddelen en kasequivalenten zoals weergegeven in het geconsolideerd kasstroomoverzicht | 238 | 118 |
De diverse componenten van het eigen vermogen evenals de wijzigingen tussen 1 januari 2009 en 31 december 2010 worden weergegeven in het Geconsolideerd Mutatieoverzicht van het Eigen Vermogen.
Het maatschappelijk kapitaal van de Onderneming per 31 december 2009 bedraagt 140 miljoen euro, verdeeld over 128.888.282 volstorte gewone aandelen zonder nominale waarde.
Op 18 oktober 2010 besliste de Raad van Bestuur tot de uitgifte van 42.962.760 aandelen zonder nominale waarde met VVPR-Strips tegen een uitgifteprijs van 3,45 euro per nieuw aandeel. Alle uitgegeven aandelen zijn volledig onderschreven. De uitgifte van de aandelen werd toegewezen aan maatschappelijk kapitaal (47 miljoen euro) en aan uitgiftepremie (101 miljoen euro). Transactiekosten verbonden aan de uitgifte van de nieuwe aandelen zijn opgenomen in aftrok van ingehouden winsten (4 miljoen euro).
Per 31 december 2010 bedraagt het maatschappelijk kapitaal van de Onderneming 187 miljoen euro, verdeeld over 171.851.042 volstorte gewone aandelen zonder nominale waarde.
De reserve voor eigen aandelen bevat de kostprijs van de ingekochte eigen aandelen. Per 31 december 2010 hield de Groep 4.099.852 (2009: 4.099.852) eigen aandelen aan. Volgens de bepalingen van het openbare aanbod, werd aan de aandeelhouders van de Groep één preferentieel inschrijvingsrecht toegekend per bestaand aandeel. De inschrijvingsrechten werden niet uitgeoefend door de Onderneming, doch verkocht. De inkomsten uit de verkoop van de preferentiële inschrijvingsrechten (VVPR-Strips) bedragen 1 miljoen euro en werden geboekt in ingehouden winsten.
Gedurende 2010 werden er geen aandelenopties uitgeoefend.
In de loop van 2010 werden vernietigde eigen aandelen in vorige periodes geherclassificeerd uit de categorie 'Eigen aandelen' naar de categorie 'Ingehouden Winsten'. Deze herclassificatie bedraagt 214 miljoen euro.
De herwaarderingsreserve bevat voornamelijk de herwaardering van de deelneming van de Groep in Medivision Medical Imaging Ltd., aangeduid als financieel actief beschikbaar voor verkoop.
In overeenstemming met IFRS 2, werd de berekende reële waarde van de eigen-vermogensinstrumenten toegekend onder het 'Long Term Incentive Plan' tranche 5, tranche 6, tranche 6a, tranche 7 en tranche 8 in voorgaande jaarperiode gespreid in kost genomen over de wachtperiode met een overeenkomstige opboeking van het eigen vermogen.
Gedurende 2010 heeft de Groep een aantal 'Metal swap' overeenkomsten afgesloten met een investeringsbank. Deze contracten worden aangeduid als kasstroomafdekkingen van het risico op prijsschommelingen van de grondstoffen welke zeer waarschijnlijk zullen worden aangekocht. Het betreft contracten die zijn afgesloten en worden gehouden in verband met de ontvangst van grondstoffen overeenkomstig de verwachte behoefte van de Groep ten aanzien van gebruik. Het deel van de winsten op de swap overeenkomsten dat effectief gebleken is, werd geboekt in het eigen vermogen (31 december 2010: 1 miljoen euro; 31 december 2009: 2 miljoen euro).
In de loop van 2010 duidde de Groep termijnwisselcontracten aan als kasstroomafdekkingen van het vreemdevalutarisico in US dollar met betrekking tot zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen in US dollar voor de volgende 12 maanden. Het deel van de winsten op de termijnwisselcontracten dat effectief gebleken is (31 december 2010: 1 miljoen euro), werd geboekt in eigen vermogen.
De valutakoersverschillen bevatten zowel de valutakoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van de jaarrekeningen van buitenlandse activiteiten, als de valutakoersverschillen afkomstig uit de omrekening van de verplichting die de netto-investering van de Onderneming in een buitenlandse entiteit afdekt.
In 2009 werd er geen dividend uitbetaald naar aanleiding van de beslissing van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van Agfa-Gevaert NV van 28 april 2009.
In 2010 werd er geen dividend uitbetaald naar aanleiding van de beslissing van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van Agfa-Gevaert NV van 27 april 2010.
Voor 2011 wordt er geen betaling van dividend voorgesteld door de Raad van Bestuur.
In december 2009 verkocht de Groep 1% van haar deelneming in PlanOrg Medica GmbH, waardoor het controlepercentage van de Groep in deze onderneming daalde van 51% naar 50%. Tengevolge deze transactie daalde de boekwaarde van de minderheidsbelangen met 2 miljoen euro. In juni 2010 verwierf de Groep de resterende 50% van de aandelen van PlanOrg Medica GmbH. De dochteronderneming wordt alsdusdanig geconsolideerd.
Met ingang van 1 september 2010 bundelen Agfa Graphics NV en haar zakenpartner Shenzhen Brothers hun activiteiten gericht op het versterken van de marktpositie van beide partners in Groot-China en de ASEAN-regio. De Groep houdt via haar dochtervennootschap Agfa Graphics NV controle door middel van een participatie van 51% in Agfa Hong Kong Limited (voorheen 100% eigendom van de Groep), de holding van de gecombineerde activiteiten van beide partijen, en door de verschillende opgezette controlestructuren. Door de wijziging in het eigendomsbelang stegen de minderheidsbelangen met 28 miljoen euro.
In de loop van 2010 betaalde een dochtervennootschap waarin de Groep een belang aanhoudt van 60%, een dividend uit aan de aandeelhouders waardoor de minderheidsbelangen daalden met 1 miljoen euro.
In de meeste landen waarin de Groep actief is, voorzien de ondernemingen van de Agfa-Gevaert Groep in vergoedingen na uitdiensttreding. Dergelijke vergoedingen gelden meestal voor alle werknemers en zijn gebaseerd op het salaris van de werknemer en het aantal jaren dienst. De Groep voorziet eveneens medische verzekering na de pensionering in de Verenigde Staten en lange diensttijd personeelsbeloningen in Duitsland. Deze vergoedingen worden boekhoudkundig verwerkt zoals voorzien in IAS 19 als vergoedingen na uitdiensttreding en lange diensttijd personeelsbeloningen.
Op 31 december 2010 bedroeg de totale nettoverplichting met betrekking tot vergoedingen na uitdiensttreding en andere lange diensttijd personeelsbeloningen van de Groep 559 miljoen euro (570 miljoen euro op 31 december 2009), opgebouwd als volgt:
| MILJOEN EURO |
31 december 2010 | 31 december 2009 |
|---|---|---|
| Nettoverplichting in materiële landen | 430 | 436 |
| Nettoverplichting ontslagvergoedingen | 91 | 100 |
| Nettoverplichting in niet-materiële landen | 38 | 34 |
| Totale nettoverplichting | 559 | 570 |
Of een land van materieel belang is, wordt bepaald op basis van het bedrag van de pensioenlast volgens IAS 19. Landen met een materieel belang vertegenwoordigen meer dan 90% van de totale pensioenlasten van de Groep volgens IAS 19.
In het geval van 'vaste bijdrage'-regelingen betalen de ondernemingen van de Agfa-Gevaert Groep bijdragen aan openbaar of privaat beheerde pensioen- of verzekeringsfondsen. Eenmaal de bijdrage wordt betaald, hebben de ondernemingen van de Groep geen verdere verplichtingen meer. De periodieke bijdragen vormen een kost van het jaar waarin ze verschuldigd zijn. In 2010 bedroeg deze kost 10 miljoen euro (2009: 9 miljoen euro) voor de materiële landen.
In Duitsland zijn de werknemers van Agfa-Gevaert HealthCare GmbH, Agfa-Gevaert Graphic Systems GmbH en van Agfa Deutschland Vertriebsgesellschaft mbH & Cie vanaf einde 2009 niet langer actieve deelnemer van de Bayer Pensionskasse. Vanaf 2010 nemen deze werknemers deel in de Rheinische Pensionskasse. Eenmaal de bijdragen betaald zijn, hebben de ondernemingen van de Groep geen verdere verplichtingen meer ten aanzien van de Rheinische Pensionskasse. Bijgevolg heeft de Groep dit plan boekhoudkundig verwerkt als een 'vaste bijdrage'-regeling.
In het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten van Amerika worden geen nieuwe deelnemers meer toegelaten tot de 'vaste doel'-regelingen en bouwen werknemers geen pensioenrechten meer op (voor de Verenigde Staten van Amerika vanaf 2009; voor het Verenigd Koninkrijk vanaf 2010). De rechten die opgebouwd werden op basis van geleverde dienstprestaties zijn niet langer gekoppeld aan toekomstige salarisverhogingen.
In 2009 besloot het management om de vereisten betreffende diensttijd voor het toegezegde medisch plan in de Verenigde Staten van Amerika aan te passen. Volgens deze planwijzigingen kunnen deelnemers enkel aanspraak maken op de voordelen van het medisch plan voor zover ze minstens 50 jaar zijn en een diensttijd van 10 jaar hebben op 1 april 2009.
In Duitsland werd het aanvullend pensioenplan gewijzigd, in lijn met de wijzigingen aan de 'vaste bijdrage'-regelingen en een nieuw aanvullend plan werd voorzien vanaf 2010. Het nieuw aanvullend plan is een rechtstreekse pensioenbelofte die afhangt van de leeftijd van de werknemer. Beide plannen worden geclassificeerd als 'vaste doel' regelingen.
De totale kost in 2010 van de 'vaste doel'-regelingen voor de materiële landen bedroeg 82 miljoen euro (2009: 71 miljoen euro).
| 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO |
Pensioen regelingen |
Andere lange diensttijd personeels beloningen |
TOTAAL | Pensioen regelingen |
Andere lange diensttijd personeels beloningen |
TOTAAL | |
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten, exclusief werknemersbijdragen |
12 | 1 | 13 | 13 | 1 | 14 | |
| Rentekosten | 91 | 3 | 94 | 94 | 4 | 98 | |
| Verwacht rendement op fondsbeleggingen |
(58) | 0 | (58) | (50) | 0 | (50) | |
| Pensioenkosten van verstreken diensttijd |
0 | 0 | 0 | (7) | 1 | (6) | |
| Afschrijving van de niet-opgenomen actuariële (winsten)/verliezen |
31 | 2 | 33 | 25 | 0 | 25 | |
| (Winst)/verlies bij belangrijke inperking/beëindiging van de regelingen |
0 | 0 | 0 | (8) | (2) | (10) | |
| Totale pensioenlast van de periode | 76 | 6 | 82 | 67 | 4 | 71 |
Actuele resultaten die verschillen van de actuariële veronderstellingen van de Groep of wijzigingen in actuariële veronderstellingen worden behandeld als niet-opgenomen actuariële winsten en verliezen. In de mate dat de netto opgebouwde niet-opgenomen winsten of verliezen meer bedragen dan 10% van de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van de 'vaste doel'-regeling op die datum of, indien hoger, van de reële waarde van de fondsbeleggingen, dan wordt dit overschot in de winst- en verliesrekening opgenomen over de verwachte gemiddelde resterende dienstperiode van de werknemers die deelnemen aan de regeling. De netto opgebouwde niet-opgenomen verliezen die werden opgenomen in de winst- en verliesrekening van 2010 bedroegen 33 miljoen euro (2009: 25 miljoen euro).
Voor 2009 hebben de opbrengsten uit pensioenen, die verband houden met verstreken diensttijd (7 miljoen euro) en met inperking/beëindiging van de regelingen (10 miljoen euro), voornamelijk betrekking op planwijzigingen in de Verenigde Staten van Amerika en Duitsland.
De wijziging in de nettoverplichting gedurende de jaren 2010 en 2009 wordt in onderstaande tabel weergegeven.
| 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| MILjO eN EURO |
Pensioen regelingen |
Andere lange diensttijd personeels beloningen |
TOTAAL | Andere lange Pensioen diensttijd regelingen personeels beloningen |
TOTAAL | ||
| Nettoverplichting op 1 januari | 389 | 47 | 436 | 406 | 50 | 456 | |
| Totale pensioenlast van de periode | 76 | 6 | 82 | 67 | 4 | 71 | |
| Werkgeversbijdragen | (86) | (6) | (92) | (82) | (6) | (88) | |
| Valutakoersverschillen | 0 | 4 | 4 | (2) | (1) | (3) | |
| Nettoverplichting op 31 december | 379 | 51 | 430 | 389 | 47 | 436 |
Voor het boekjaar 2011 verwacht de Groep werkgeversbijdragen te betalen voor een bedrag van 95 miljoen euro voor haar materiële pensioenregelingen en andere lange diensttijd personeelsbeloningen.
De contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van de 'vaste doel'-regelingen, de fondsbeleggingen en de financiering van de regelingen in de materiële landen worden hieronder weergegeven.
Op 31 december 2010 bedroeg de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van de 'vaste doel'-regelingen voor de Groep 1.878 miljoen euro (1.782 miljoen euro op 31 december 2009), waarvan 1.164 miljoen euro (1.067 miljoen euro op 31 december 2009) betrekking heeft op geheel of gedeeltelijk gefinancierde 'vaste doel'-regelingen en de overige 714 miljoen euro (715 miljoen euro op 31 december 2009) betrekking heeft op niet gefinancierde 'vaste doel'-regelingen.
| 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO |
Pensioen regelingen |
Andere lange diensttijd personeelsbe loningen |
TOTAAL | Pensioen regelingen |
Andere lange diensttijd personeelsbe loningen |
TOTAAL | |
| Wijziging in de contante waarde van de brutoverplichting |
|||||||
| Contante waarde van de brutoverplichting op 1 januari |
1.716 | 66 | 1.782 | 1.525 | 65 | 1.590 | |
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten, exclusief werknemersbijdragen |
12 | 1 | 13 | 13 | 1 | 14 | |
| Werknemersbijdragen | 0 | 0 | 0 | 1 | 0 | 1 | |
| Rentekosten | 91 | 3 | 94 | 94 | 4 | 98 | |
| Uitkeringen | (110) | (6) | (116) | (107) | (6) | (113) | |
| Pensioenkosten van verstreken diensttijd |
0 | 0 | 0 | (7) | 0 | (7) | |
| Belangrijke inperking/beëindiging van de regelingen |
0 | 0 | 0 | (10) | (3) | (13) | |
| Actuariële (winsten)/verliezen | 59 | 1 | 60 | 204 | 7 | 211 | |
| Valutakoersverschillen | 40 | 5 | 45 | 3 | (2) | 1 | |
| Contante waarde van de brutover plichting op 31 december |
1.808 | 70 | 1.878 | 1.716 | 66 | 1.782 | |
| Wijziging in fondsbeleggingen | |||||||
| Reële waarde van fondsbeleggingen op 1 januari |
822 | 0 | 822 | 731 | 0 | 731 | |
| Werkgeversbijdragen | 86 | 6 | 92 | 82 | 6 | 88 | |
| Werknemersbijdragen | 0 | 0 | 0 | 1 | 0 | 1 | |
| Effectief rendement op fondsbeleggingen |
104 | 0 | 104 | 111 | 0 | 111 | |
| Uitkeringen | (110) | (6) | (116) | (107) | (6) | (113) | |
| Valutakoersverschillen | 27 | 0 | 27 | 4 | 0 | 4 | |
| Reële waarde van fondsbeleggingen op 31 december |
929 | 0 | 929 | 822 | 0 | 822 | |
| Financieringspositie op 31 december | |||||||
| Financieringspositie | (879) | (70) | (949) | (894) | (66) | (960) | |
| Niet-opgenomen actuariële (winsten) of verliezen |
500 | 19 | 519 | 505 | 19 | 524 | |
| Niet-opgenomen pensioenkosten van verstreken diensttijd |
0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| Nettoverplichting op 31 december | (379) | (51) | (430) | (389) | (47) | (436) | |
De verplichtingen en pensioenlast van de periode met betrekking tot de 'vaste-doel' regelingen van de Groep worden bepaald door gebruik te maken van actuariële waarderingen die gebaseerd zijn op actuariële veronderstellingen. Op het einde van de verslagperioden 2010 en 2009, werden volgende belangrijke actuariële veronderstellingen (gewogen gemiddelden) gebruikt:
| 31 december 2010 | 31 december 2009 | |
|---|---|---|
| Disconteringsvoet | 5,0% | 5,3% |
| Verwacht rendement op fondsbeleggingen | 7,0% | 6,9% |
| Toekomstige verhoging van lonen/salarissen | 2,8% | 2,8% |
De gemiddelden inzake disconteringsvoet en de stijging van de lonen/salarissen werden gewogen op basis van de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van 'vaste doel'-regelingen. Het gemiddeld verwacht rendement op fondsbeleggingen werd gewogen op basis van de reële waarde van fondsbeleggingen. De gewogen gemiddelden omvatten de actuariële veronderstellingen van de materiële landen van de Groep: België, Duitsland, de Verenigde Staten van Amerika en het Verenigd Koninkrijk.
De veronderstellingen inzake disconteringsvoet zijn een weergave van het marktrendement op balansdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de geschatte looptijd van de verplichtingen.
De veronderstelling inzake het verwacht rendement op fondsbeleggingen wordt bepaald op een uniforme wijze, rekening houdend met historische rendementen op lange termijn, allocatie van fondsen en schattingen van toekomstige rendementen op lange termijn.
Onderstaande tabel geeft de sensitiviteit weer van een verandering in bepaalde veronderstellingen op 31 december 2010 met betrekking tot de pensioenregelingen van de materiële landen van de Groep:
| MILJOEN EURO |
Impact op de verwachte pensioenlast van de periode (vóór belastingen) voor 2011 |
Impact op de contante waarde van de brutoverplichting op 31 december 2010 |
|---|---|---|
| Eén percent punt daling in disconteringsvoet | 14 | 239 |
| Eén percent punt stijging in disconteringsvoet | (15) | (212) |
| Eén percent punt daling in verwacht rendement op fondsbeleggingen |
9 | - |
| Eén percent punt stijging in verwacht rendement op fondsbeleggingen |
(9) | - |
| Verbetering in de sterftetafel waarbij wordt verondersteld dat werknemers één jaar langer leven |
7 | 50 |
Een toe- of afname met 1% in de vooropgestelde medische kosten zou geen belangrijke impact mogen hebben op de geaccumuleerde verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding of op het totaal van de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten en rentekosten. Volgens het toegezegd medisch plan kunnen de pensioengerechtigde deelnemers aanspraak maken op een rekening welke benut kan worden om hun medische kosten na de pensionering te betalen. De omvang van deze rekening is onafhankelijk van de werkelijke medische kosten of van de toekomstige stijgingen van de medische kosten.
Historiek van de fondsbeleggingen, contante waarde van de brutoverplichting, overschot/tekort van de pensioenregelingen en ervaringsaanpassingen voor 2010 en de vier voorgaande jaren
| 31 december | 31 december | 31 december | 31 december | 31 december | |
|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 | 2008 | 2007 | 2006 |
| Reële waarde van fondsbeleggingen | 929 | 822 | 731 | 985 | 1.045 |
| Contante waarde van de brutoverplichting | 1.878 | 1.782 | 1.590 | 1.698 | 1.901 |
| Overschot/(Tekort) van de regelingen | (949) | (960) | (859) | (713) | (856) |
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 | 2008 | 2007 | 2006 |
|---|---|---|---|---|---|
| Ervaringsaanpassingen ontstaan op de fondsbeleggingen: winsten/(verliezen) |
46 | 61 | (248) | (36) | 14 |
| Ervaringsaanpassingen ontstaan op de verplichtingen van de regelingen: winsten/(verliezen) |
0 | (2) | (35) | 3 | 37 |
| Winsten/(Verliezen) op de verplichtingen van de regelingen ingevolge wijzigingen in actuariële veronderstellingen |
(60) | (209) | 91 | 127 | 76 |
Reële waarde van fondsbeleggingen onderverdeeld naar belangrijkste categorieën
| MILJOEN EURO |
31 december 2010 | 31 december 2009 |
|---|---|---|
| Aandelen | 437 | 426 |
| Rentedragende instrumenten | 447 | 388 |
| Overige | 45 | 8 |
| TOTAAL | 929 | 822 |
De reële waarde van fondsbeleggingen omvat per jaareinde 2009 en 2010 geen aandelen of rentedragende instrumenten van de Onderneming of haar dochterondernemingen.
'Long Term Incentive Plan' (eerste tranche)
Het aandelenwarrantplan (het "Long Term Incentive Plan" - eerste tranche) dat was gecreëerd op 10 november 1999 voor de leden van het Directiecomité (nu: Executive Management) van Agfa-Gevaert NV en de Directieraad (Vorstand) van Agfa-Gevaert AG evenals voor een selecte groep managers, verviel op 10 november 2008.
Op 25 april 2000 creëerde de Groep een aandelenoptieplan (het 'Long Term Incentive Plan' - tweede tranche) voor de leden van het Directiecomité (nu: Executive Management) van Agfa-Gevaert NV en kaderleden van niveau VII, VIII en IX van Agfa-Gevaert NV of van gelijkwaardige niveaus binnen de Groep, aangesteld door het Directiecomité van Agfa-Gevaert NV. Eén optie verleent de houder het recht om één gewoon aandeel van de Onderneming te kopen. In totaal werden 416.950 opties uitgegeven en verdeeld onder de begunstigden. De opties werden gratis toegekend. Overeenkomstig het programma, kunnen de opties worden uitgeoefend tussen 1 januari 2004 en 5 juni 2009 waarna ze waardeloos worden. De uitoefenprijs van de opties is gelijk aan 22 euro.
| Opties uitgegeven | 416.950 |
|---|---|
| Opties vervallen gedurende 2001 | 15.000 |
| Opties vervallen gedurende 2003 | 17.100 |
| Opties vervallen gedurende 2004 | 193.300 |
| Opties uitgeoefend gedurende 2004 | 4.200 |
| Opties uitgeoefend gedurende 2005 | 86.778 |
| Opties vervallen gedurende 2006 | 6.300 |
| Opties vervallen gedurende 2007 | 10.500 |
| Opties vervallen gedurende 2008 | 28.950 |
| Opties vervallen gedurende 2009 | 54.822 |
| Opties uitstaande op 31 december 2010 | 0 |
Op 18 juni 2001 creëerde de Groep een aandelenoptieplan (het 'Long Term Incentive Plan' - derde tranche) voor de leden van het Directiecomité (nu: Executive Management) van Agfa-Gevaert NV en Kaderleden van niveau A, B en C van Agfa-Gevaert NV of van gelijkwaardige niveaus binnen de Groep. Eén optie verleent de houder het recht om één gewoon aandeel van de Onderneming te kopen. In totaal werden 522.940 opties uitgegeven en verdeeld onder de begunstigden. De opties werden gratis toegekend. Overeenkomstig het programma, kunnen de opties worden uitgeoefend tussen 6 juli 2004 en 6 juli 2010 waarna ze waardeloos worden. De uitoefenprijs van de opties is gelijk aan 20 euro.
Hierna wordt een overzicht gegeven van het aantal uitstaande opties op 31 december 2010:
| Opties uitgegeven | 522.940 |
|---|---|
| Opties vervallen gedurende 2001 | 19.000 |
| Opties vervallen gedurende 2003 | 19.000 |
| Opties vervallen gedurende 2004 | 6.200 |
| Opties uitgeoefend gedurende 2004 | 50.480 |
| Opties uitgeoefend gedurende 2005 | 164.230 |
| Opties vervallen gedurende 2006 | 3.100 |
| Opties vervallen gedurende 2007 | 3.100 |
| Opties vervallen gedurende 2010 | 257.830 |
| Opties uitstaande op 31 december 2010 | 0 |
Op 17 juni 2002 creëerde de Groep een aandelenoptieplan (het 'Long Term Incentive Plan' - vierde tranche) voor de leden van het Directiecomité (nu: Executive Management) van Agfa-Gevaert NV en kaderleden van niveau A, B en C van Agfa-Gevaert NV of van gelijkwaardige niveaus binnen de Groep. Eén optie verleent de houder het recht om één gewoon aandeel van de Onderneming te kopen. In totaal werden 600.300 opties uitgegeven en verdeeld onder de begunstigden. De opties werden gratis toegekend. Overeenkomstig het programma, kunnen de opties worden uitgeoefend tussen 26 augustus 2005 en 27 augustus 2011 waarna ze waardeloos worden. De uitoefenprijs van de opties is gelijk aan 18 euro.
| Opties uitgegeven | 600.300 |
|---|---|
| Opties vervallen gedurende 2002 | 6.300 |
| Opties vervallen gedurende 2003 | 31.500 |
| Opties uitgeoefend gedurende 2005 | 7.800 |
| Opties uitgeoefend gedurende 2006 | 2.460 |
| Opties vervallen gedurende 2006 | 5.800 |
| Opties uitgeoefend gedurende 2007 | 2.900 |
| Opties vervallen gedurende 2007 | 2.900 |
| Opties vervallen gedurende 2009 | 5.800 |
| Opties uitstaande op 31 december 2010 | 534.840 |
Op 29 april 2003 creëerde de Groep een aandelenoptieplan (het 'Long Term Incentive Plan' - vijfde tranche) voor de leden van het Directiecomité (nu: Executive Management) van Agfa-Gevaert NV en kaderleden van niveau A, B en C van Agfa-Gevaert NV of van gelijkwaardige niveaus binnen de Groep. Eén optie verleent de houder het recht om één gewoon aandeel van de Onderneming te kopen. In totaal werden 567.974 opties uitgegeven en verdeeld onder de begunstigden. De opties werden gratis toegekend. Overeenkomstig het programma, kunnen de opties worden uitgeoefend tussen 28 juli 2006 en 27 juli 2013 waarna ze waardeloos worden. De uitoefenprijs van de opties is gelijk aan 18,27 euro.
De reële waarde van de toegekende eigen-vermogensinstrumenten onder het 'Long Term Incentive Plan' (vijfde tranche) op toekenningsdatum, werd berekend volgens een Trinomiaal "Lattice" optiewaarderingsmodel voor opties uitoefenbaar tussen bepaalde data ('bermudian options') met discrete dividendparameters.
Volgende parameters werden gebruikt in het optiewaarderingsmodel:
| Reële waarde van de toegekende optie | 6,60 |
|---|---|
| Aandelenkoers | 18,63 |
| Uitoefenprijs | 18,27 |
| Toekenningsdatum | 26 september 2003 |
| Verwachte volatiliteit | 32,40% |
| Verwacht dividend/jaar | 0,60 |
| Risicovrije rentevoet | 2,09%-4,34% |
De verwachte volatiliteit is gebaseerd op de historische volatiliteit van de koers van het aandeel over een periode van één jaar. De toegekende aandelenopties onder het 'Long Term Incentive Plan' - vijfde tranche werden onvoorwaardelijk in juli 2006, na een periode van drie jaar vanaf toekenningsdatum. De berekende reële waarde werd gespreid in kost genomen over de wachtperiode volgens de 'modified grant date'-methode, rekening houdend met het aantal eigen-vermogensinstrumenten dat effectief onvoorwaardelijk werd op datum van toezegging.
| Opties uitgegeven | 567.974 |
|---|---|
| Opties vervallen gedurende 2004 | 2.800 |
| Opties uitgeoefend gedurende 2006 | 2.800 |
| Opties vervallen gedurende 2006 | 5.600 |
| Opties vervallen gedurende 2007 | 11.450 |
| Opties vervallen gedurende 2009 | 5.600 |
| Opties uitstaande op 31 december 2010 | 539.724 |
Op 22 juni 2004 creëerde de Groep een aandelenoptieplan (het 'Long Term Incentive Plan' - zesde tranche en zesde tranche a) voor de leden van het Directiecomité (nu: Executive Management) van Agfa-Gevaert NV en kaderleden van niveau A, B en C van Agfa-Gevaert NV of van gelijkwaardige niveaus binnen de Groep. Eén optie verleent de houder het recht om één gewoon aandeel van de Onderneming te kopen. In totaal werden 488.880 opties uitgegeven en verdeeld onder de begunstigden. De opties werden gratis toegekend. Overeenkomstig het programma, kunnen de opties onder tranche 6 worden uitgeoefend tussen 10 augustus 2007 en 10 augustus 2011 waarna ze waardeloos worden. De uitoefenprijs van de opties is gelijk aan 19,95 euro.
De opties toegekend onder tranche 6a zijn uitoefenbaar tussen 15 december 2007 en 14 december 2011 waarna ze waardeloos worden. De uitoefenprijs van de opties is gelijk aan 24,02 euro.
De reële waarde van de toegekende eigen-vermogensinstrumenten onder het 'Long Term Incentive Plan' (zesde tranche en zesde tranche a) op toekenningsdatum, werd berekend volgens een Trinomiaal 'Lattice' optiewaarderingsmodel voor opties uitoefenbaar tussen bepaalde data ('bermudian options') met discrete dividendparameters.
| Zesde tranche | Zesde tranche a |
|---|---|
| 6,84 | 8,00 |
| 23,27 | 26,59 |
| 19,95 | 24,02 |
| 10 oktober 2004 | 13 februari 2005 |
| 24,61% | 27,83% |
| 0,60 | 0,56 |
| 3,67% | 3,00% |
Volgende parameters werden gebruikt in het optiewaarderingsmodel:
De verwachte volatiliteit is gebaseerd op de historische volatiliteit van de koers van het aandeel over een periode van één jaar. De toegekende aandelenopties onder het 'Long Term Incentive Plan' (zesde tranche en zesde tranche a) werden onvoorwaardelijk respectievelijk in augustus en december 2007, na een periode van drie jaar vanaf toekenningsdatum. De berekende reële waarde werd gespreid in kost genomen over de wachtperiode volgens de 'modified grant date' methode, rekening houdend met het aantal eigen-vermogensinstrumenten dat effectief onvoorwaardelijk werd op datum van toezegging.
| Zesde tranche | Zesde tranche a | |
|---|---|---|
| Opties uitgegeven | 471.380 | 17.500 |
| Opties vervallen gedurende 2005 | 3.080 | - |
| Opties vervallen gedurende 2006 | 5.600 | - |
| Opties vervallen gedurende 2007 | 11.300 | - |
| Opties vervallen gedurende 2008 | - | 12.500 |
| Opties vervallen gedurende 2009 | 5.600 | - |
| Opties uitstaande op 31 december 2010 | 445.800 | 5.000 |
Op 22 juni 2005 creëerde de Groep een aandelenoptieplan (het 'Long Term Incentive Plan' - zevende tranche) voor de leden van het Directiecomité (nu: Executive Management) van Agfa-Gevaert NV en kaderleden van niveau I en II van Agfa-Gevaert NV of van gelijkwaardige niveaus binnen de Groep. Eén optie verleent de houder het recht om één gewoon aandeel van de Onderneming te kopen. In totaal werden 589.650 opties uitgegeven en verdeeld onder de begunstigden. De opties werden gratis toegekend. Overeenkomstig het programma, kunnen de opties worden uitgeoefend tussen 15 juli 2008 en 15 juli 2012 waarna ze waardeloos worden. De uitoefenprijs van de opties is gelijk aan 22,57 euro.
De reële waarde van de toegekende eigen-vermogensinstrumenten onder het 'Long Term Incentive Plan' (zevende tranche) op toekenningsdatum, werd berekend volgens een Trinomiaal 'Lattice' optiewaarderingsmodel voor opties uitoefenbaar tussen bepaalde data ('bermudian options') met discrete dividendparameters.
Volgende parameters werden gebruikt in het optiewaarderingsmodel:
| Reële waarde van de toegekende optie | 6,23 |
|---|---|
| Aandelenkoers | 22,85 |
| Uitoefenprijs | 22,57 |
| Toekenningsdatum | 14 september 2005 |
| Verwachte volatiliteit | 28% |
| Verwacht dividend/jaar | 0,56 |
| Risicovrije rentevoet | 3% |
De verwachte volatiliteit is gebaseerd op de historische volatiliteit van de koers van het aandeel over een periode van één jaar. De toegekende aandelenopties onder het 'Long Term Incentive Plan' (zevende tranche) werden onvoorwaardelijk in juli 2008, na een periode van drie jaar vanaf toekenningsdatum. De berekende reële waarde werd gespreid in kost genomen over de wachtperiode volgens de 'modified grant date'-methode, rekening houdend met het aantal eigen-vermogensinstrumenten dat effectief onvoorwaardelijk werd op datum van toezegging.
| Opties uitgegeven | 589.650 |
|---|---|
| Opties vervallen gedurende 2006 | 33.200 |
| Opties vervallen gedurende 2007 | 72.160 |
| Opties vervallen gedurende 2008 | 45.190 |
| Opties vervallen gedurende 2009 | 2.900 |
| Opties vervallen gedurende 2010 | 2.200 |
| Opties uitstaande op 31 december 2010 | 434.000 |
Op 21 juni 2006 creëerde de Groep een aandelenoptieplan (het 'Long Term Incentive Plan' - achtste tranche) voor de leden van het Directiecomité (nu: Executive Management) van Agfa-Gevaert NV en kaderleden van niveau I en II van Agfa-Gevaert NV of van gelijkwaardige niveaus binnen de Groep. Eén optie verleent de houder het recht om één gewoon aandeel van de Onderneming te kopen. In totaal werden 733.570 opties uitgegeven en verdeeld onder de begunstigden. De opties werden gratis toegekend. Overeenkomstig het programma, kunnen de opties worden uitgeoefend tussen 17 juli 2009 en 17 juli 2013 waarna ze waardeloos worden. De uitoefenprijs van de opties is gelijk aan 18,60 euro.
De reële waarde van de toegekende eigen-vermogensinstrumenten onder het 'Long Term Incentive Plan' (achtste tranche) op toekenningsdatum, werd berekend volgens een Trinomiaal 'Lattice' optiewaarderingsmodel voor opties uitoefenbaar tussen bepaalde data ('bermudian options') met discrete dividendparameters.
Volgende parameters werden gebruikt in het optiewaarderingsmodel:
| Reële waarde van de toegekende optie | 4,17 |
|---|---|
| Aandelenkoers | 18,12 |
| Uitoefenprijs | 18,60 |
| Toekenningsdatum | 15 september 2006 |
| Verwachte volatiliteit | 28,50% |
| Verwacht dividend/jaar | 0,56 |
| Risicovrije rentevoet | 4,18% |
De verwachte volatiliteit is gebaseerd op de historische volatiliteit van de koers van het aandeel over een periode van één jaar. De toegekende aandelenopties onder het 'Long Term Incentive Plan' (achtste tranche) werden onvoorwaardelijk respectievelijk in juli 2009, na een periode van drie jaar vanaf toekenningsdatum. De berekende reële waarde werd gespreid in kost genomen over de wachtperiode volgens de 'modified grant date'-methode, rekening houdend met het aantal eigen-vermogensinstrumenten dat effectief onvoorwaardelijk werd op datum van toezegging.
Hierna wordt een overzicht gegeven van het aantal uitstaande opties op 31 december 2010:
| Opties uitgegeven | 733.570 |
|---|---|
| Opties vervallen gedurende 2007 | 48.810 |
| Opties vervallen gedurende 2008 | 29.060 |
| Opties vervallen gedurende 2009 | 8.400 |
| Opties vervallen gedurende 2010 | 4.800 |
| Opties uitstaande op 31 december 2010 | 642.500 |
De aandelen die kunnen worden verkregen door uitoefening van de hiervoor genoemde opties zijn afgedekt door middel van ingekochte eigen aandelen.
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Langlopende rentedragende verplichtingen | 379 | 553 |
| 'Revolving multi-currency'-kredietfaciliteiten | 180 | 357 |
| Rentedragende leningen | 3 | - |
| Obligatieleningen | 195 | 195 |
| Financiële leaseverplichtingen | 1 | 1 |
| Kortlopende rentedragende verplichtingen | 21 | 11 |
| Rentedragende leningen | 21 | 11 |
| Financiële leaseverplichtingen | - | - |
De Onderneming heeft 'revolving multi-currency'-kredietfaciliteiten ter beschikking met een nominaal bedrag van 690 miljoen euro. In het algemeen hebben de geldopnamen onder deze kredietfaciliteiten een looptijd tussen één maand en één jaar. De Groep heeft in het kader van een herfinancieringovereenkomst de mogelijkheid deze kredietfaciliteit te herfinancieren over een langere periode en verwacht hiervan gebruik te maken. Er werden geen waarborgen verstrekt voor de kredietopeningen.
De verdeling over de diverse looptijden is als volgt:
| MILJOEN EURO |
Nominaal bedrag | Uitstaand bedrag | Rentevoet | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Eindvervaldag | 2010 | 2009 | 2010 | 2009 | Munt | 2010 | 2009 |
| 690 | 690 | 150 | 84 | USD | 0,54%-0,74% | 1,09% | |
| 2012 | - | - | 30 | 273 | EUR | 1,09% | 0,92%-0,94% |
| TOTAAL | 690 | 690 | 180 | 357 |
De langlopende rentedragende verplichtingen hebben volgende eindvervaldagen:
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 | ||
|---|---|---|---|---|
| Eindvervaldag | Uitstaand bedrag | Gewogen gemiddelde rentevoet |
Uitstaand bedrag | Gewogen gemiddelde rentevoet |
| < 5 jaar | - | - | - | - |
| > 5 jaar | 3 | 7,71% | - | - |
| TOTAAL | 3 | - |
De langlopende verplichtingen omvatten locale opnamen met eindvervaldag in 2016.
In het vierde kwartaal van 2010 sloot de Groep een overeenkomst met de Europese Investeringsbank (EIB), waarbij de EIB een bedrag van 130 miljoen euro ter beschikking stelt van de Groep voor de financiering van onderzoeks-, ontwikkelings- en innovatieprojecten binnen het segment HealthCare Information Technology. De faciliteit kadert binnen het raamwerk van de 'Risk Sharing Finance Facility (RSFF)' ontwikkeld door de Europese Investeringsbank en de Europese Gemeenschap. De gefinancierde projecten betreffen onderzoeks-, ontwikkelings- en innovatieprojecten in de periode vanaf 2010 tot 2013. Het bedrag van de toegestane lening is niet hoger dan 50% van de totale kostprijs van de projecten. Afhankelijk van een aantal criteria, zal een eerste schijf van 70 miljoen euro beschikbaar gesteld worden vanaf 2011 en een volgende schijf van 60 miljoen voor opname vanaf 2012 tot de laatste dag van beschikbaarstelling zijnde 31 december 2012. Per 31 december 2010 zijn er geen opnames onder deze faciliteit.
De kortlopende bankleningen zijn niet gewaarborgd. De gewogen gemiddelde rentevoet van deze verplichtingen bedraagt 5,39% (2009: 3,97%).
In mei 2005 gaf de Onderneming een obligatielening uit met een nominale waarde van 200 miljoen euro. De obligatielening draagt een coupon van 4,375% en vervalt in juni 2015. De interesten zijn jaarlijks betaalbaar na verloop van termijn. De uitgifteprijs bedroeg 101,956%. De obligatielening wordt gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs. In de loop van 2009 werd een deel van de obligatielening (5 miljoen euro) afgelost door de Onderneming.
Lease-overeenkomsten waarbij de Groep optreedt als lessee worden als rentedragende verplichting in de balans opgenomen voor een bedrag gelijk aan het laagste van de reële waarde van het geleasde actief en de contante waarde van de minimale leasebetalingen bij de aanvang van de lease-overeenkomst. Deze verplichtingen bedroegen 1 miljoen euro per 31 december 2010.
| 2010 | 2009 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO |
Minimale lease betalingen |
Niet-vervallen rentelasten |
Contante waarde minimale lease betalingen |
Minimale lease betalingen |
Niet-vervallen rentelasten |
Contante waarde minimale lease betalingen |
| Niet later dan één jaar | - | - | - | - | - | - |
| Later dan één jaar en niet later dan vijf jaar |
1 | - | 1 | 1 | - | 1 |
| Later dan vijf jaar | - | - | - | - | - | - |
| TOTAAL | 1 | - | 1 | 1 | - | 1 |
De vervaldagstructuur van de financiële leaseverplichtingen is als volgt:
De overige te betalen posten omvatten:
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Handelsschulden | 246 | 206 |
| Verplichtingen met betrekking tot ondernemingen behorende tot de AgfaPhoto groep | 33 | 33 |
| Sociale verplichtingen | 34 | 28 |
| Verplichtingen met betrekking tot bezoldigingen | 12 | 11 |
| Gelopen, niet-vervallen rente | 5 | 6 |
| Nog te betalen aanschaffingswaarde m.b.t. de overname van Gandi (toelichting 6) | 9 | - |
| Andere diverse te betalen posten | 89 | 78 |
| TOTAAL | 428 | 362 |
De blootstelling aan het wisselkoers- en liquiditeitsrisico uit handelsschulden van de Groep wordt beschreven in toelichting 7.
Verplichtingen met betrekking tot ondernemingen behorende tot de AgfaPhoto groep zijn ontstaan uit distributie-, facturatie- en inningsovereenkomsten met AgfaPhoto groepsondernemingen of haar curatoren. Verdere informatie wordt verstrekt onder toelichting 16.
Sociale verplichtingen omvatten voornamelijk de sociale zekerheidsbijdragen die nog niet betaald werden op balansdatum.
De andere diverse te betalen posten omvatten onder meer waarborgen, aan klanten te betalen commissies, verplichtingen ingevolge liquiditeitsovereenkomsten, enz.
Uitgestelde omzet omvat zowel gefactureerde bedragen als bedragen die conform de contractuele bepalingen aan de klanten kunnen worden gefactureerd maar nog niet in de winst- en verliesrekening kunnen worden opgenomen. De vooruitbetalingen geven de bedragen weer die de Onderneming heeft ontvangen maar nog niet aan haar klanten heeft gefactureerd daar zij haar verplichting ten aanzien van deze klanten nog dient te voltooien, zijnde de levering van goederen en/of diensten.
De uitgestelde omzet en vooruitbetalingen bedroegen 152 miljoen euro op 31 december 2010 (2009: 123 miljoen euro) en resulteren voornamelijk uit tussentijdse facturatie in overeenkomsten waarin meerdere goederen zoals software en hardware en/of diensten samen worden aangeboden ('multiple element'-regelingen) en uit vooruitfacturatie van de dienstverlenings- en onderhoudscontracten.
De toepassing van de huidige richtlijn betreffende de opname van opbrengsten in de winst- en verliesrekening uit 'multiple element' regelingen vereist oordeelsvorming vanwege het management. Er dient te worden beoordeeld of de opnamecriteria afzonderlijk kunnen worden toegepast op de in de overeenkomst aangeboden goederen en/of diensten en zo ja, of er een betrouwbare en objectieve reële waarde voor de aangeboden goederen en/of diensten afzonderlijk kan worden bepaald. De toewijzing van de verkoopprijs van de overeenkomst aan de verschillende goederen en/of diensten op basis van ondernemingsspecifieke objectieve gegevens van reële waarde – inclusief de toewijzing van kortingen – steunt op oordeelsvorming en belangrijke schattingen vanwege het management. Wijzigingen in de door het management aangenomen veronderstellingen met betrekking tot de afzonderlijk identificeerbare goederen en/of diensten in een overeenkomst en de daaraan toegewezen reële waarde, zouden een belangrijke impact kunnen hebben op de opbrengsten opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Langlopende voorzieningen bedroegen 24 miljoen euro op 31 december 2010 (2009: 44 miljoen euro).
| MILJOEN EURO |
Milieuvoorzieningen | Herstructureringen | Andere | TOTAAL |
|---|---|---|---|---|
| Voorzieningen per 31 december 2009 | 2 | 9 | 33 | 44 |
| Voorzieningen aangelegd in de loop van het boekjaar |
- | - | 5 | 5 |
| Aanwending van voorzieningen in de loop van het boekjaar |
- | (2) | (12) | (14) |
| Terugname van voorzieningen in de loop van het boekjaar |
- | (3) | (5) | (8) |
| Valutakoersverschillen | - | - | - | - |
| Overboekingen | 1 | - | (4) | (3) |
| Voorzieningen per 31 december 2010 | 3 | 4 | 17 | 24 |
Andere langlopende voorzieningen omvatten een voorziening voor leegstaande gebouwen, een voorziening voor afbraakkosten als ook een voorziening voor verplichtingen met betrekking tot vroegere werknemers van de logistiek afdeling welke aan de group H.Essers werd verkocht en een voorziening voor pensioengarantiebijdragen in Duitsland die betaalbaar zijn na meer dan één jaar.
In de loop van 2010 werd met Bayer een overeenkomst bereikt aangaande een geschil over sloopkosten van gebouwen in Duitsland. De overeenkomst heeft niet geleid tot bijkomende uitgaven.
De kortlopende voorzieningen bedroegen 200 miljoen euro op 31 december 2010 (2009: 234 miljoen euro).
| MILJOEN EURO |
Toelich ting |
Milieu voorzieningen |
Omzet gerelateerde voorzieningen |
Belastingen | Herstructureringen | Andere | TOTAAL |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Voorzieningen per 31 december 2009 |
9 | 43 | 93 | 13 | 76 | 234 | |
| Wijziging in consolidatiekring | 6 | - | 5 | - | - | - | 5 |
| Voorzieningen aangelegd in de loop van het boekjaar |
2 | 110 | 30 | 10 | 27 | 179 | |
| Aanwending van voorzieningen in de loop van het boekjaar |
(4) | (102) | (46) | (13) | (31) | (196) | |
| Terugname van voorzieningen in de loop van het boekjaar |
- | (9) | (6) | (3) | (10) | (28) | |
| Valutakoersverschillen | - | - | 2 | 1 | - | 3 | |
| Overboekingen | - | - | - | 3 | 3 | ||
| Voorzieningen per 31 december 2010 |
7 | 47 | 73 | 8 | 65 | 200 |
De voorzieningen met betrekking tot milieubescherming dekken toekomstige aanpassingswerken van terreinen en de sanering van bodems die zijn verontreinigd door vroegere industriële activiteiten.
Omzetgerelateerde voorzieningen omvatten ondermeer te betalen bedragen aan klanten met betrekking tot geleverde goederen en diensten gedurende de verslagperiode, zoals omzetkortingen, rabatten en commissies betaald aan agenten en bijkomende verplichtingen in verband met aan- en verkoopcontracten.
Voorzieningen voor belastingen hebben betrekking op zowel winstbelastingen als overige belastingen.
De voorziening voor winstbelastingen omvat belastingen op winsten die berekend maar nog niet vooruitbetaald werden, evenals winstbelastingen in verband met lopende of te verwachten fiscale controles op de afgelopen jaren en voorzieningen voor aanpassingen van de afgelopen jaren. De Groep is onderworpen aan winstbelastingen in een groot aantal rechtsgebieden. Er bestaan onzekerheden betreffende de interpretaties van complexe fiscale regelgevingen in de respectieve landen. De Groep erkent verplichtingen voor elementen die tijdens een belastingscontrole mogelijk op de voorgrond kunnen treden, gebaseerd op aanvaardbare schattingen inzake het al dan niet verschuldigd zijn van bijkomende belastingen, waarbij diverse factoren zoals ervaring met vorige belastingcontroles en afwijkende interpretaties tussen enerzijds de entiteit die wordt belast en de belastingautoriteit in aanmerking worden genomen. Verschillen die ontstaan tussen reële resultaten en gemaakte assumpties of toekomstige veranderingen aan dergelijke assumpties kunnen aanpassingen aan de belastinglast van toekomstige periodes noodzakelijk maken.
De voorziening voor andere belastingen bestaat voornamelijk uit BTW en andere indirecte belastingen.
Voorzieningen voor herstructureringen omvatten voornamelijk de ontslagvergoedingen voor het personeel.
Andere kortlopende voorzieningen worden erkend voor commerciële betwistingen, vorderingen en verbintenissen met een mogelijk negatieve afloop. Verder omvatten ze de kortlopende verplichtingen met betrekking tot vroegere werknemers van de logistiek afdeling welke aan de group H.Essers verkocht werd. Andere kortlopende voorzieningen omvatten tevens voorzieningen met betrekking tot vorderingen verbandhoudend met de verkoop van de Consumer Imaging (CI) business in 2004. Op 31 december 2010 betreffen deze voorzieningen verwachte verliezen van de distributie overeenkomst, vorderingen van vroegere CI werknemers die naar AgfaPhoto zijn overgegaan en commerciële betwistingen.
Op 1 november 2004 verkocht de Groep al haar Consumer Imaging activiteiten aan AgfaPhoto Holding GmbH, inclusief de productie, de verkoop en de dienstverlening welke verbonden is aan fotografische film, producten voor finishing en labapparatuur. Vanaf november 2004 werden de Consumer Imaging activiteiten volledig uitgeoefend door de AgfaPhoto groep van vennootschappen tot eind mei 2005 toen AgfaPhoto GmbH een aanvraag tot faillissement indiende in Duitsland, gevolgd door faillissementsaanvragen van een aantal AgfaPhoto verkoopsorganisaties.
In oktober 2005 besloot de curator van AgfaPhoto GmbH tot liquidatie van deze vennootschap. Niettegenstaande dat AgfaPhoto GmbH en haar dochtervennootschappen volledig onafhankelijk van de Groep opereren, heeft het faillissement en de liquidatie van AgfaPhoto GmbH en sommige van haar dochtervennootschappen een invloed op de Groep op verschillende manieren.
De curator van AgfaPhoto GmbH diende in december 2007 een aanvraag tot arbitrage in bij het ICC Internationale Arbitragehof in Parijs, Frankrijk, in verband met een geschil over de openstaande saldi die voortvloeien uit distributie-, leverings- en dienstverleningsovereenkomsten.
In september 2008 diende de curator van AgfaPhoto Austria Ges.m.b.H. eveneens een aanvraag tot arbitrage in bij het ICC Internationale Arbitragehof, met betrekking tot een geschil over de openstaande saldi betreffende de distributie-, leverings- en dienstverleningsenovereenkomsten in Oostenrijk.
Beide ICC arbitrageprocedures zijn nog lopende.
De Groep wordt tevens geconfronteerd met een aantal gerechtelijke procedures vanwege vroegere Consumer Imaging werknemers die naar AgfaPhoto werden getransfereerd.
In Duitsland werden in de loop van 2010 door het hoogste arbeidshof (Bundesarbeitsgericht) finale vonnissen geveld in verband met 16 rechtszaken (na de 30 vonnissen in 2008 en 2009). Deze uitspraken en de bijkomende ophelderingen van een aantal arbeidsrechtelijke discussies hebben geleid tot een versnelde afhandeling van een aantal hangende arbeidsrechtelijke geschillen in Duitsland, conform de risicoinschattingen en de voorzieningen van de Groep.
De ICC arbitrageprocedure op initiatief van de curator van AgfaPhoto GmbH m.b.t. de afbraakkosten van een aantal gebouwen in Leverkusen, Duitsland, die werden opgetrokken in het kader van een erfpachtovereenkomst, werd volledig afgewezen door het arbitragehof, en Agfa-Gevaert kreeg ook terugbetaling van erelonen en procedurekosten toegewezen. Agfa-Gevaert was met de eigenaar van het perceel onroerend goed overeengekomen om bepaalde afbraakkosten over te nemen.
Agfa Finance is in een aantal landen nog steeds betrokken bij verschillende juridische geschillen omtrent leasingovereenkomsten voor minilabs, als eisende en als verwerende partij. Terwijl sommige gevallen door minnelijke schikkingen konden beëindigd worden of nog zullen beëindigd worden, worden de nog lopende geschillen behandeld conform de risico-inschattingen van de Groep.
De Groep heeft voldoende voorzieningen en waardeverminderingsverliezen op uitstaande vorderingen geboekt voor waarschijnlijke verliezen die verband houden met de distributie-, leverings- en dienstenovereenkomsten, alsook voor andere eisen en kosten, zoals eisen vanwege het personeel.
De Groep legt voorzieningen aan voor verwachte verliezen wanneer zij van oordeel is dat het verlies waarschijnlijk is en het bedrag van het verlies op een redelijke wijze kan worden geschat. Voorzieningen voor waarschijnlijke verliezen zijn gebaseerd op veronderstellingen en schattingen, en op juridisch advies op vlak van waarschijnlijke uitkomsten van een zaak. Wanneer zich nieuwe ontwikkelingen voordoen of wanneer meer informatie beschikbaar is, bestaat de mogelijkheid dat de veronderstellingen en schattingen in deze zaken gewijzigd dienen te worden.
Verdere informatie wordt verschaft in toelichting 26.
De Groep huurt voornamelijk gebouwen en infrastructuur op basis van operationele lease-overeenkomsten. De vervaldagstructuur van de toekomstige minimale leasebetalingen onder deze niet-opzegbare lease-overeenkomsten is:
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Niet later dan één jaar | 43 | 47 |
| Later dan één jaar en niet later dan vijf jaar | 93 | 91 |
| Later dan vijf jaar | 23 | 11 |
| TOTAAL | 159 | 149 |
De Groep verhuurt bedrijfsruimte en overige materiële vaste activa op basis van operationele leases. De toekomstige minimale leasebetalingen uit hoofde van niet-opzegbare lease-overeenkomsten luiden als volgt:
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Niet later dan één jaar | 2 | 4 |
| Later dan één jaar en niet later dan vijf jaar | 1 | 4 |
| Later dan vijf jaar | - | - |
| TOTAAL | 3 | 8 |
De voorwaardelijke verplichtingen vloeiden volledig voort uit verbintenissen aan derden gegeven en omvatten:
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Bankgaranties | 69 | 63 |
| Andere | 2 | 2 |
| TOTAAL | 71 | 65 |
De totale aankoopverplichtingen in het kader van belangrijke investeringsprojecten waarvoor de respectieve contracten reeds werden toegekend of de orders werden geplaatst, bedroegen op 31 december 2010 1 miljoen euro (2009: 1 miljoen euro).
De Groep is momenteel niet betrokken in één of ander groot geschil, met uitzondering van het geschil in verband met de insolvabiliteit van AgfaPhoto.
In verband met de verkoop van de Consumer Imaging activiteiten van Agfa-Gevaert AG en bepaalde van haar dochtervennootschappen heeft de Groep diverse contractuele relaties afgesloten met AgfaPhoto Holding GmbH, AgfaPhoto GmbH en hun dochtervennootschappen in verschillende landen (de AgfaPhoto groep). Daarbij werd voorzien in de overdracht van haar Consumer Imaging activiteiten, inbegrepen activa, verplichtingen, contracten en personeel naar de vennootschappen behorende tot de AgfaPhoto groep.
Na de verkoop werd een aanvraag tot faillissement ingediend door AgfaPhoto GmbH en een aantal van haar dochtervennootschappen zowel in Duitsland als in andere landen. In verschillende landen werden gerechtelijke procedures tegen de Groep ingespannen. Het betreft een aantal geschillen met inbegrip van arbeidsrechtelijke geschillen in Duitsland, waarbij diverse schadevergoedingen en andere compensaties werden geëisd met betrekking tot het faillissement en de daarop volgende liquidatie van vennootschappen van de AgfaPhoto groep. De Groep meent dat het in haar verweer in deze rechtszaken over voldoende argumenten beschikt en verdedigt haar belangen krachtdadig.
In verband met deze verkoop, diende de curator van AgfaPhoto GmbH een aanvraag tot arbitrage in bij het ICC Internationale Arbitragehof in Parijs, Frankrijk, en vordert een vergoeding voor vermeende onderkapitalisatie van AgfaPhoto GmbH alsmede voor het vermeende veroorzaken van het faillissement van AgfaPhoto GmbH. De Groep heeft alle vorderingen verworpen wegens onbewezen en ongegrond. De Groep meent dat het in haar verweer met betrekking tot deze vorderingen over voldoende argumenten beschikt en verdedigt haar belangen krachtdadig.
Tenslotte diende AgfaPhoto Holding GmbH in december 2008 een aanvraag tot arbitrage in bij het ICC Internationale Arbitragehof in Parijs, Frankrijk, met betrekking tot afbraakkosten van een aantal gebouwen in Leverkusen, Duitsland. De eiseres heeft die procedure teruggetrokken nadat een vergelijkbare arbitrageprocedure die was ingesteld door de curator van AgfaPhoto GmbH werd afgewezen door het arbitragehof en nadat Agfa-Gevaert met de eigenaar van het perceel onroerend goed was overeengekomen om bepaalde afbraakkosten over te nemen.
Zoals hierboven toegelicht zijn de voornaamste overblijvende geschillen deze tussen bepaalde vennootschappen van de Groep en de curator van AgfaPhoto GmbH. De meeste geschillen worden tegenwoordig behandeld in het kader van arbitrageprocedures. Dezelfde bedragen worden soms verscheidene malen gevorderd zowel door dezelfde partijen op basis van verschillende rechtsgronden als van verschillende constellaties van Agfa-vennootschappen. Omwille van wat wij denken zijnde een hoog speculatieve aard van de vorderingen en tegenvorderingen van de curator van AgfaPhoto GmbH, achten wij het onmogelijk om tot een betrouwbare schatting te komen van de financiële gevolgen van meerdere van deze arbitrageprocedures.
Het totaal van de beloningen voor managers op sleutelposities opgenomen in de winst- en verliesrekening bedraagt:
| 2010 | 2009 | |||
|---|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO |
Bestuurders | Executive Management |
Bestuurders | Executive Management |
| Kortetermijnpersoneelsbeloningen | 1 | 5,1 | 0,5 | 4,5 |
| Vergoedingen na uitdiensttreding | - | 0,3 | - | 0,3 |
| Op aandelen gebaseerde betalingen | - | 0,1 | - | 0,1 |
| TOTAAL | 1 | 5,5 | 0,5 | 4,9 |
Per 31 december 2010 waren er geen uitstaande leningen ten behoeve van managers op sleutelposities. De verplichtingen voor vergoedingen na uitdiensttreding voor de leden en de gepensioneerde leden van het Executive Management, opgenomen in de geconsolideerde balans op 31 december 2010, bedragen 15 miljoen euro.
Transacties met verwante partijen betreffen voornamelijk handelstransacties en zijn gebaseerd op het 'at arm's length' principe. De kosten en opbrengsten met betrekking tot deze transacties zijn immaterieel in het kader van de geconsolideerde jaarrekening.
De berekening van de gewone winst per aandeel is gebaseerd op een netto toe te kennen winst aan de gewone aandeelhouders van 105 miljoen euro (2009: 6 miljoen euro) en een gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande aandelen gedurende het jaar 2010 van 130.571.878 (2009: 124.788.430).
Het gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande aandelen werd als volgt berekend:
| Aantal uitstaande gewone aandelen op 1 januari 2010 | 124.788.430 | |
|---|---|---|
| Effect van de kapitaalverhoging | 5.783.448 | |
| Gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande aandelen op 31 december 2010 | 130.571.878 | |
| EURO | 2010 | 2009 |
| Gewone winst per aandeel | 0,80 | 0,05 |
De berekening van de verwaterde winst per aandeel is gebaseerd op een netto toe te kennen winst aan de gewone aandeelhouders van 105 miljoen euro (2009: 6 miljoen euro) en een gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande verwaterde aandelen gedurende het jaar 20010 van 130.571.878 (2009: 124.788.430). Er dient te worden opgemerkt dat de verschillende aandelenoptieplannen ('Long Term Incentive Plan' - tranche 2 t.e.m. 8) geen aanleiding gaven tot verwatering in 2009 noch in 2010.
Het gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande verwaterde aandelen werd als volgt berekend:
| 130.571.878 | Gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande aandelen op 31 december 2010 |
|---|---|
| - | Effect van potentiële gewone aandelen die tot verwatering zullen leiden (toelichting 20) |
| 130.571.878 | Gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande verwaterde aandelen op 31 december 2010 |
De gemiddelde reële waarde van een gewoon aandeel bedroeg in 2009 4,74 euro per aandeel.
| EURO | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Verwaterde winst per aandeel | 0,80 | 0,05 |
De moedermaatschappij van de Groep, Agfa-Gevaert NV, Mortsel (België) is de moedermaatschappij van de volgende belangrijke dochterondernemingen:
| Geconsolideerde ondernemingen per 31 december 2010 | ||||
|---|---|---|---|---|
| Naam van de onderneming | Locatie | Deelnemings-% | ||
| Agfa (Pty.) Ltd. | Isando/Zuid-Afrika | 100 | ||
| Agfa (Wuxi) Imaging Co., Ltd. | Wuxi/PR China | 99,16 | ||
| Agfa (Wuxi) Printing Plate Co. Ltd. | Wuxi/PR China | 51 | ||
| Agfa ASEAN Sdn. Bhd. | Petaling Jaya/Maleisië | 51 | ||
| Agfa Corporation | Ridgefield Park/Verenigde Staten | 100 | ||
| Agfa de Mexico S.A. de C.V. | Del. Benito Juarez/Mexico | 100 | ||
| Agfa Dotrix NV | Gent/België | 100 | ||
| Agfa Finance Corp. | Wilmington/Verenigde Staten | 100 | ||
| Agfa Finance Inc. | Toronto/Canada | 100 | ||
| Agfa Finance Italy S.p.A. | Milaan/Italië | 100 | ||
| Agfa Finance NV | Mortsel/België | 100 | ||
| Agfa Finance Poland Sp.o.o. | Warschau/Polen | 100 | ||
| Agfa Finance Pty. Ltd. | Burwood/Australië | 100 | ||
| Agfa Graphics Argentina S.A. | Buenos Aires/Argentinië | 100 | ||
| Agfa Graphics Asia Ltd. | Hong Kong/PR China | 51 | ||
| Agfa Graphics Austria GmbH | Wenen/Oostenrijk | 100 | ||
| Agfa Graphics Czech Republic S.r.o. | Praag/Tsjechië | 100 | ||
| Agfa Graphics Germany GmbH & Co. KG | Keulen/Duitsland | 100 | ||
| Agfa Graphics Ireland Ltd. | Kildare/Ierland | 100 | ||
| Agfa Graphics Ltd. | Leeds/Verenigd Koninkrijk | 100 | ||
| Agfa Graphics Netherlands B.V. | Amstelveen/Nederland | 100 | ||
| Agfa Graphics Norway AS | Oslo/Noorwegen | 100 | ||
| Agfa Graphics NV | Mortsel/België | 100 | ||
| Agfa Graphics Portugal, Unipessoal Lda. | Fregesia de Pago d'Arcos/Portugal | 100 | ||
| Agfa Graphics S.r.l. | Milaan/Italië | 100 | ||
| Agfa Graphics Sp.o.o. | Warschau/Polen | 100 | ||
| Agfa Graphics Switzerland AG | Dübendorf/Zwitserland | 100 | ||
| Agfa HealthCare AG | Dübendorf/Switzerland | 100 | ||
| Agfa HealthCare AG | Trier/Duitsland | 100 | ||
| Agfa HealthCare Argentina S.A. | Buenos Aires/Argentinië | 100 | ||
| Agfa HealthCare Australia Limited | Victoria/Australië | 100 | ||
| Agfa HealthCare Brazil Importacao e Servicos Ltda. | Sao Paulo/Brazilië | 100 | ||
| Agfa HealthCare Chile Ltda. | Santiago de Chile/Chili | 100 | ||
| Agfa HealthCare Colombia Ltda. | Bogota/Colombië | 100 | ||
| Agfa HealthCare Corporation | Greenville/Verenigde Staten | 100 | ||
| Agfa HealthCare Czech s.r.o. | Praag/Tsjechië | 100 | ||
| Agfa HealthCare Denmark A/S | Holte/Denemarken | 100 | ||
| Agfa HealthCare Enterprise Solutions S.A. | Artigues près Bordeaux/Frankrijk | 100 | ||
| Agfa Healthcare Equipments Portugal Lda. | Oeiras/Portugal | 100 | ||
| Agfa HealthCare Finland Oy AB | Espoo/Finland | 100 | ||
| Agfa HealthCare Germany GmbH | Bonn/Duitsland | 100 | ||
| Agfa HealthCare Ges.mbH | Wenen/Oostenrijk | 100 | ||
| Agfa HealthCare GmbH | Bonn/Duitsland | 100 | ||
| Agfa HealthCare Hellas A.E.B.E. | Peristeri/Griekenland | 100 | ||
| Agfa HealthCare Hong Kong | Hong Kong, PR China | 100 | ||
| Agfa HealthCare Hungary Kft. | Boedapest/Hongarije | 100 | ||
| Agfa HealthCare Inc. | Waterloo/Canada | 100 | ||
| Agfa HealthCare India Private Ltd. | Thane/Indië | 100 |
| Agfa HealthCare International NV |
Mortsel/België | 100 |
|---|---|---|
| Agfa HealthCare Korea Ltd. |
Seoul/ Zuid-Korea |
100 |
| Agfa HealthCare Luxembourg S.A. |
Bertrange/ Luxemburg |
100 |
| Agfa HealthCare Malaysia Sdn. Bhd. |
Kuala Lumpur/Maleisië |
100 |
| Agfa Healthcare Mexico S.A. de C. V |
Del. Benito Juarez/Mexico | 100 |
| Agfa HealthCare Norway A S |
Oslo/ Noorwegen |
100 |
| Agfa HealthCare NV |
Mortsel/België | 100 |
| Agfa HealthCare Shanghai Ltd. |
Shanghai/PR China | 100 |
| Agfa HealthCare Singapore Pte. Ltd. |
Singapore | 100 |
| Agfa HealthCare South Africa Pty. Ltd. |
Isando/ Zuid-Afrika |
100 |
| Agfa HealthCare Spain S.A. U. |
Barcelona/ Spanje |
100 |
| Agfa HealthCare Sweden AB |
Kista/ Zweden |
100 |
| Agfa HealthCare Systems Taiwan Co. Ltd. |
Taipei/ Taiwan |
100 |
| Agfa HealthCare UK Limited |
Brentford/ Verenigd Koninkrijk |
100 |
| Agfa Inc. |
Toronto/Canada | 100 |
| Agfa India Private Ltd. |
Thane/ Indië |
100 |
| Agfa Industries Korea Ltd. |
Kyunggi-do/ Zuid-Korea |
100 |
| Agfa Korea Ltd. |
Seoul/ Zuid-Korea |
100 |
| Agfa Limited |
Dublin/ Ierland |
100 |
| Agfa Materials Corporation | Wilmington/ Verenigde Staten |
100 |
| Agfa Materials Gmb H |
Düsseldorf/ Duitsland |
100 |
| Agfa Materials Hong Kong Ltd. |
Hong Kong/PR China | 100 |
| Agfa Materials Japan Ltd. |
Tokyo/Japan | 100 |
| Agfa Materials Ltd. |
Pinewood/ Verenigd Koninkrijk |
100 |
| Agfa Materials Taiwan Co. Ltd. |
Taipei/ Taiwan |
100 |
| Agfa Singapore Pte. Ltd. |
Singapore | 51 |
| Agfa Solutions S A S |
Rueil-Malmaison/ Frankrijk |
100 |
| Agfa Sp. z.o.o. |
Warschau/ Polen |
100 |
| Agfa Taiwan Co. Ltd. |
Taipei/ Taiwan |
51 |
| Agfa Gevaert A. E.B. E |
Athene/ Griekenland |
100 |
| Agfa Gevaert A/ S |
Birkerod/ Denemarken |
100 |
| Agfa Gevaert AB |
Kista/ Zweden |
100 |
| Agfa Gevaert Aktiengesellschaft für Altersversorgung |
Keulen/ Duitsland |
100 |
| Agfa Gevaert Argentina S.A. |
Buenos Aires/Argentinië | 100 |
| Agfa Gevaert B. V |
Rijswijk/ Nederland |
100 |
| Agfa Gevaert Colombia Ltda. |
Bogota/Colombië | 100 |
| Agfa Gevaert de Venezuela S.A. |
Caracas/ Venezuela |
100 |
| Agfa Gevaert do Brasil Ltda. |
Sao Paulo/Brazilië |
100 |
| Agfa Gevaert Graphic Systems Gmb H |
Keulen/ Duitsland |
100 |
| Agfa Gevaert HealthCare Gmb H |
Keulen/ Duitsland |
100 |
| Agfa Gevaert International NV |
Mortsel/België | 100 |
| Agfa Gevaert Investment Fund NV |
Mortsel/België | 100 |
| Agfa Gevaert Japan, Ltd. |
Tokyo/Japan | 100 |
| Agfa Gevaert Limited |
Victoria/Australië | 100 |
| Agfa Gevaert Limited ( England) |
Brentford/ Verenigd Koninkrijk |
100 |
| Agfa Gevaert Ltda. |
Santiago De Chile/Chili |
100 |
| Agfa Gevaert NV & Co. K G |
Keulen/ Duitsland |
100 |
| Agfa Gevaert NZ Ltd. |
Auckland/ Nieuw Zeeland |
100 |
| Agfa Gevaert S.A. |
Rueil-Malmaison/ Frankrijk |
99,99 |
| Agfa Gevaert S.A. U |
Barcelona/ Spanje |
100 |
| Agfa Gevaert S.p.A. |
Milaan/ Italië |
100 |
| Agfa Imaging ( Shenzhen) Co Ltd. |
Shenzhen/China | 51 |
| Agfa II Acquisition Corp. ( Pitman) |
Ridgefield Park/ Verenigde Staten |
100 |
| Gandi Innovations B VBA |
Mechelen/België | 100 |
| Gandi Innovations Fzco |
Dubai/ Ver. Arabische Emiraten |
100 |
| Insight Agents France S.r.l. | Marcq en Baroeul/Frankrijk | 100 |
|---|---|---|
| Insight Agents GmbH | Heidelberg/Duitsland | 100 |
| Koller AG | Thalwil/Zwitserland | 100 |
| Lastra Attrezzature S.r.l. | Manerbio/Italië | 60 |
| Luithagen NV | Mortsel/België | 100 |
| New ProImage America Inc. | Ridgefield Park/Verenigde Staten | 100 |
| New ProImage Ltd. | Tel Aviv/Israël | 100 |
| OOO Agfa Ltd. |
Moskou/Rusland | 100 |
| OY Agfa-Gevaert AB | Espoo/Finland | 100 |
| Plurimetal do Brasil Ltda. | Rio de Janeiro/Brazilië | 100 |
| Shanghai Agfa Imaging Products Co., Ltd. | Shanghai/PR China | 51 |
| Investeringen verwerkt volgens de 'equity'-methode per 31 december 2010 | ||||
|---|---|---|---|---|
| Naam van de onderneming | Deelnemings-% | |||
| PlanOrg Informatik GmbH | Jena/Duitsland | 24,50 | ||
| DILLI (Digital Illustrate Inc.) |
Gyeonggi-do/Zuid Korea | 20 |
Er hebben zich geen dergelijke gebeurtenissen voorgedaan.
De honoraria met betrekking tot audit en aan audit gerelateerde prestaties geleverd door KPMG Bedrijfsrevisoren en zijn netwerk kan als volgt gedetailleerd worden:
| EUR o |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Bezoldiging van de commissaris voor de uitoefening van een mandaat van commissaris voor de Vennootschap en de Groep |
544.352 | 795.317 |
| Bezoldiging van de commissaris voor uitzonderlijke werkzaamheden of bijzondere opdrachten uitgevoerd voor de Vennootschap en de Groep: |
||
| Andere controle | 441.430 | 18,000 |
| Belastingadvies | 98.975 | 159,222 |
| Andere opdrachten buiten de revisorale | 23.650 | 140.921 |
| Subtotaal | 1.108.407 | 1.113.460 |
| EUR o |
2010 | 2009 |
| Bezoldigingen van personen met wie de commissaris verbonden is voor de uitoefening van een mandaat van commissaris voor de Groep |
1.339.056 | 1.885.136 |
| Bezoldiging van personen met wie de commissaris verbonden is voor uitzonderlijke werkzaamheden of bijzondere opdrachten uitgevoerd voor de Groep: |
||
| Andere controle | 100.987 | 137.880 |
| Belastingadvies | 47.372 | 34.620 |
| Andere opdrachten buiten de revisorale | 744.997 | 185.067 |
| Subtotaal | 2.232.412 | 2.242.703 |
| Totaal | 3.340.819 | 3.356.163 |
Overeenkomstig de wettelijke en statutaire bepalingen, brengen wij u verslag uit in het kader van ons mandaat van commissaris. Dit verslag omvat ons oordeel over het getrouw beeld van de geconsolideerde jaarrekening evenals de vereiste bijkomende vermelding.
Wij hebben de controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van Agfa-Gevaert NV ('de Vennootschap') en haar dochterondernemingen (samen 'de Groep') opgesteld in overeenstemming met International Financial Reporting Standards (IFRS), zoals aanvaard binnen de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften. Deze geconsolideerde jaarrekening omvat de geconsolideerde balans op 31 december 2010, de geconsolideerde winst- en verliesrekening en het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, het geconsolideerde mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerde kasstroomoverzicht voor het boekjaar afgesloten op die datum, evenals een toelichting die een overzicht van de voornaamste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige informatieverschaffing bevat. Het geconsolideerde balanstotaal bedraagt 3.086 miljoen euro en de geconsolideerde winst- en verliesrekening toont een winst van het boekjaar van 104 miljoen euro.
Het bestuursorgaan van de Vennootschap is verantwoordelijk voor het opstellen en de getrouwe weergave van de geconsolideerde jaarrekening in overeenstemming met International Financial Reporting Standards (IFRS) en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften, evenals voor een interne controle als het bestuursorgaan dit noodzakelijk acht om het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten.
Onze verantwoordelijkheid is een oordeel over deze geconsolideerde jaarrekening tot uitdrukking te brengen op basis van onze controle. Wij hebben onze controle uitgevoerd overeenkomstig de Internationale Standards on Auditing, de wettelijke bepalingen en volgens de in België geldende controlenormen, zoals uitgevaardigd door het Instituut van de Bedrijfsrevisoren. Deze normen vereisen dat wij voldoen aan ethische vereisten en dat wij onze controle zo plannen en uitvoeren dat een redelijke mate van zekerheid wordt verkregen dat de geconsolideerde jaarrekening geen afwijkingen van materieel belang bevat.
Een controle bestaat uit het uitvoeren van controlewerkzaamheden ter verkrijging van controle-informatie over de in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen bedragen en toelichtingen. De geselecteerde controlewerkzaamheden zijn afhankelijk van onze beoordeling welke een inschatting omvat van de risico's dat de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat als gevolg van fraude of fouten. Bij het maken van deze risico-inschatting houden wij rekening met de interne controle van de Groep die relevant is voor het opstellen en de getrouwe weergave van de geconsolideerde jaarrekening ten einde in de gegeven omstandigheden de gepaste controlewerkzaamheden te bepalen, maar niet om een oordeel over de doeltreffendheid van de interne controle van de Groep tot uitdrukking te brengen. Een controle omvat tevens een beoordeling van de gegrondheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving en van de redelijkheid van de boekhoudkundige ramingen gemaakt door het bestuursorgaan, alsook van de voorstelling van de geconsolideerde jaarrekening als geheel. Ten slotte, hebben wij van het bestuursorgaan en van de verantwoordelijken van de Vennootschap de voor onze controlewerkzaamheden vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.
Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie een redelijke basis vormt voor het uitbrengen van ons oordeel.
Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening afgesloten op 31 december 2010 een getrouw beeld van het vermogen, de geconsolideerde financiële toestand van de Groep evenals van haar geconsolideerde resultaten en geconsolideerde kasstromen voor het boekjaar eindigend op die datum, in overeenstemming met International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals aanvaard binnen de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en bestuursrechterlijke voorschriften.
Het opstellen en de inhoud van het verslag van de Raad van Bestuur over de geconsolideerde jaarrekening vallen onder de verantwoordelijkheid van het bestuursorgaan.
Het is onze verantwoordelijkheid om in ons verslag de volgende bijkomende vermelding op te nemen die niet van aard is om de draagwijdte van onze verklaring over de geconsolideerde jaarrekening te wijzigen:
p Het verslag van de Raad van Bestuur over de geconsolideerde jaarrekening behandelt de door de wet vereiste inlichtingen en stemt overeen met de geconsolideerde jaarrekening. Wij kunnen ons echter niet uitspreken over de beschrijving van de voornaamste risico's en onzekerheden waarmee de Groep wordt geconfronteerd, alsook van haar positie, haar voorzienbare evolutie of de aanmerkelijke invloed van bepaalde feiten op haar toekomstige ontwikkeling. Wij kunnen evenwel bevestigen dat de verstrekte gegevens geen onmiskenbare inconsistenties vertonen met de informatie waarover wij beschikken in het kader van ons mandaat.
Kontich, 31 maart 2011
KPMG Bedrijfsrevisoren Commissaris vertegenwoordigd door
Erik Clinck Filip De Bock Bedrijfsrevisor Bedrijfsrevisor
De volgende bladzijden zijn uittreksels van de statutaire jaarrekening van Agfa-Gevaert NV, opgesteld overeenkomstig de Belgische boekhoudkundige regels. Het verslag van de Raad van Bestuur aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders en de jaarrekening van Agfa-Gevaert NV zullen samen met het verslag van de commissaris-revisor gedeponeerd worden bij de Nationale Bank van België binnen de statutair bepaalde termijn. Deze documenten zijn op aanvraag verkrijgbaar bij de afdeling Investor Relations van de Vennootschap en beschikbaar op www.agfa.com/investorrelations. Alleen de geconsolideerde jaarrekening vervat in de voorafgaande bladzijden geeft een correct en betrouwbaar beeld van de financiële situatie en de prestaties van de Agfa-Gevaert Groep.
Het statutair verslag van de commissaris-revisor bevat geen bemerkingen en verklaart dat de niet-geconsolideerde jaarrekening van Agfa-Gevaert NV over het jaar, dat eindigde op 31 december 2010, een correct en betrouwbaar beeld geeft van de financiële situatie en de resultaten van de Vennootschap, en dit in overeenstemming met alle wettelijke en statutaire bepalingen.
| RESULTATENREKENING | |||
|---|---|---|---|
| MILJOEN EURO |
2010 | 2009 | |
| I. | Bedrijfsopbrengsten | ||
| A. Omzet |
689 | 675 | |
| Voorraad goederen in bewerking en gereed product en bestellingen in uitvoering B. (toename +, afname -) |
12 | (13) | |
| C. Geproduceerde vaste activa |
20 | 13 | |
| D. Andere bedrijfsopbrengsten |
104 | 73 | |
| Totale bedrijfsopbrengsten | 825 | 748 | |
| II. | Bedrijfskosten | ||
| A. Handelsgoederen, grond- en hulpstoffen |
|||
| 1. Aankopen | 420 | 379 | |
| 2. Voorraad (toename -, afname +) | (3) | 11 | |
| B. Diensten en diverse goederen |
144 | 111 | |
| C. Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen |
210 | 192 | |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten D. op immateriële en materiële vaste activa, |
21 | 37 | |
| Waardeverminderingen op voorraden, op bestellingen in uitvoering E. en op handelsvorderingen (toevoegingen +, terugnemingen -) |
5 | 1 | |
| Voorzieningen voor risico's en kosten F. (toevoegingen +, bestedingen en terugnemingen -) |
(29) | (27) | |
| G. Andere bedrijfskosten |
9 | 12 | |
| Totale bedrijfskosten | 777 | 716 | |
| III. | Bedrijfswinst/(-verlies) | 48 | 32 |
| IV. | Financiële opbrengsten | 374 | 96 |
| V. | Financiële kosten | (340) | (105) |
| VI. | Winst/(verlies) uit de gewone bedrijfsuitoefening vóór belasting | 82 | 23 |
| VII. U | itzonderlijke opbrengsten | 35 | 155 |
| VIII. U | itzonderlijke kosten | (4) | (6) |
| IX. | Winst/(verlies) van het boekjaar vóór belasting | 113 | 172 |
| IX bis | Overboeking aan de uitgestelde belastingen | 0 | 0 |
| X. | Belastingen op het resultaat | 3 | 0 |
| XI. | Winst/(verlies) van het boekjaar | 116 | 172 |
| XII. | Overboeking naar belastingvrije reserves | 0 | 0 |
| XIII. | Te bestemmen winst/(verlies) van het boekjaar | 116 | 172 |
| Resultaatverwerking | |||
|---|---|---|---|
| A. | Te bestemmen winstsaldo | 689 | 573 |
| Te bestemmen winst/(verlies) van het boekjaar | 116 | 172 | |
| Overgedragen winst van het vorig boekjaar | 573 | 401 | |
| B. | Onttrekking aan het eigen vermogen | 0 | 0 |
| C. | Toevoeging aan het eigen vermogen | 5 | 0 |
| D. | Over te dragen winst/(verlies) | 684 | 573 |
| F. | Uit te keren winst | 0 | 0 |
| miljoen EURO | 31 dec. 2010 | 31 dec. 2009 | |
|---|---|---|---|
| Activa | |||
| II. | Immateriële vaste activa | 30 | 30 |
| III. | Materiële vaste activa | 18 | 16 |
| IV. | Financiële vaste activa | 3.162 | 2.093 |
| V. | Vorderingen op meer dan 1 jaar | 0 | 12 |
| VI. | Voorraden en bestellingen in uitvoering | 128 | 112 |
| VII. | Vorderingen op ten hoogste 1 jaar | 492 | 1.664 |
| VIII. | Geldbeleggingen | 103 | 19 |
| IX. | Liquide middelen | 22 | 2 |
| X. | Overlopende rekeningen | 1 | 2 |
| TOTAAL | 3.956 | 3.950 |
| Passiva | |||
|---|---|---|---|
| I. | Kapitaal | 187 | 140 |
| II. | Uitgiftepremies | 211 | 109 |
| IV. | Reserves | 417 | 412 |
| V. | Overgedragen winst | 684 | 573 |
| VI. | Kapitaalsubsidies | 4 | 8 |
| TOTAAL | 1.503 | 1.242 | |
| VII. | Voorzieningen en uitgestelde belastingen | 96 | 125 |
| VIII. | Schulden op meer dan 1 jaar | 315 | 315 |
| IX. | Schulden op ten hoogste 1 jaar | 2.021 | 2.249 |
| X. | Overlopende rekeningen | 21 | 19 |
Mortsel, 24 maart 2011
De jaarrekening zoals ze zal worden voorgelegd aan de Algemene Vergadering van 26 april 2011, werd door de Raad van Bestuur goedgekeurd.
Aan de Algemene Vergadering zullen de hierna volgende punten in het bijzonder ter goedkeuring worden voorgelegd: p De jaarrekening sluit met een te bestemmen winst voor het boekjaar 2010 van 115.535.415,46 euro;
p Na toevoeging van 4.669.865,40 euro aan de wettelijke reserve wordt voorgesteld om het saldo van de te bestemmen winst als volgt toe te wijzen: verhoging van het overgedragen resultaat met 110.865.550,06 euro. Hierdoor bedraagt het overgedragen resultaat 684.132.564,52 euro.
De Association of Southeast Asian Nations bestaat uit Brunei, Cambodja, Indonesië, Laos, Maleisië, Myanmar, Filippijnen, Singapore, Thailand en Vietnam. De organisatie heeft tot doel de samenwerking tussen de lidstaten te ondersteunen.
Deze softwareapplicaties analyseren digitale medische beelden en passen automatisch beeldverbeteringstechnieken toe om alle details beter in beeld te brengen. Ze verbeteren de workflow in de radiografieafdelingen en ze geven de radioloog de mogelijkheid om sneller en accurater te werken. Agfa HealthCare's Musica²-software wordt algemeen erkend als de norm in deze markt.
Een drukplaat die na de belichting geen extra chemische behandelingen nodig heeft.
Technologie waarbij röntgenbeelden gemaakt worden met conventionele röntgenapparatuur, maar waarbij de beelden vastgelegd worden op herbruikbare platen, in plaats van op röntgenfilm. De informatie op de platen wordt gelezen door een digitizer, wat een digitaal beeld oplevert. Aangepaste beeldverwerkingssoftware (zoals Agfa's Musica²) kan gebruikt worden om de kwaliteit van de beelden automatisch te optimaliseren voor het stellen van diagnoses. De digitale beelden kunnen ook aangevuld worden met manuele input (aantekeningen, afmetingen,…). Ze worden beheerd en gearchiveerd op een PACS-systeem.
zie ook direct radiography
Een proces waarbij de pagina's of de illustraties van drukwerk – bijvoorbeeld de pagina's van kranten of magazines – rechtstreeks vanaf computerfiles digitaal belicht worden op een (transparante) film. De films worden dan chemisch ontwikkeld en gebruikt om drukplaten te maken. zie ook computer-to-plate
Een proces waarbij de pagina's of de illustraties van drukwerk – bijvoorbeeld de pagina's van kranten of magazines – rechtstreeks vanaf computerfiles digitaal belicht worden op drukplaten, zonder dat daarbij film nodig is.
zie ook computer-to-film
Voor een onderzoek met röntgen-, CT- of MRI-technologie kunnen patiënten contrastmedia toegediend krijgen. Deze contrastvloeistoffen worden gebruikt om specifieke anatomische structuren (vooral bloedvaten) beter te doen uitkomen op de beelden.
Een CT-scanner gebruikt een reeks röntgenstralen om 'beeldschijven' van het lichaam te maken. Agfa's productportfolio bevat geen CTscanners, maar zijn PACS-systemen worden gebruikt voor het beheer en de 3D-visualisatie van de digitale beelden. Met Agfa's hardcopyprinters kunnen hoogkwalitatieve afdrukken van de beelden gemaakt worden.
Een vorm van röntgenonderzoek waarbij digitale technologie gebruikt wordt in plaats van traditionele fotografische röntgenfilm. De meest gebruikelijke technologieën voor digitale radiografie zijn computed radiography en direct radiography.
zie computed radiography
Radiografische technologie die röntgenenergie omzet in digitale gegevens zonder als tussenstap gebruik te maken van film of platen voor het vastleggen van beelden. Deze digitale data genereren een diagnostisch beeld op een PC. Het feit dat het om digitale gegevens gaat, opent een hele reeks mogelijkheden op het gebied van beeldoptimalisering en -aanvulling en van archivering op PACS-systemen. DR-systemen worden meestal gebruikt in gecentraliseerde radiologieomgevingen. zie ook computed radiography
Drukplaten die bestaan uit een hoogkwalitatief aluminiumsubstraat en een deklaag die ontworpen is om te weerstaan aan relatief hoge hoeveelheden ultravioletenergie (UV). Een belichte film wordt vacuüm in contact gebracht met een plaat. De UV-lichtbron kopieert de gegevens van de film op de plaat. De afbeeldingen en tekst zijn de opake delen van de film, de rest is transparant. Het UV-licht treft de plaat alleen waar de film transparant is. Een chemisch ontwikkelingsprocédé etst de belichte delen van de plaat, terwijl de niet-belichte delen onveranderd blijven. De inkt hecht zich aan de belichte – of chemisch behandelde – delen tijdens het drukproces.
Drukplaten die bestaan uit een hoogkwalitatief geruwd en geanodiseerd aluminiumsubstraat en een deklaag (uit zilver of fotopolymeer) die duizend keer gevoeliger is dan die van CtF-platen. De lasers die gebruikt worden voor het belichten van deze platen werken met thermische energie of zichtbaar licht. De deklaag reageert op de
laserenergie waardoor chemische/ fysische veranderingen aan het oppervlak van de plaat ontstaan. Net als de CtF-platen worden de CtP-platen daarna ontwikkeld om een plaat te creëren waarmee gedrukt kan worden. Bij enkele technologieën is er geen ontwikkeling van de plaat meer nodig.
De drukproef die door de klant (de koper van drukwerk) wordt goedgekeurd. Ze toont hoe de kleuren door de drukpers weergegeven zullen worden. De drukker gaat dus een 'contract' over de kleurendruk aan met de klant. Deze weergave van het uiteindelijke resultaat wordt mogelijk gemaakt door Agfa's hoogtechnologische softwaresystemen voor kleurenbeheer.
De voorbereiding en verwerking van beelden, tekst en documentgegevens voordat ze op drukplaten overgebracht worden, inclusief het scannen met hoge resolutie van beelden, de separatie van kleuren, de verschillende types van proefdrukken, enz.
Term voor het gebruik van informatie- en communicatietechnologie in de gezondheidszorgsector.
Wanneer het Electronic Patient Record van een persoon gekoppeld wordt aan zijn/haar niet-medische elektronische dossiers van organisaties als overheden en verzekeringsmaatschappijen, ontstaat een EHR.
Het elektronisch alternatief voor het patiëntendossier op papier. Het EPR bevat alle gegevens van een patiënt, waaronder demografische info, de onderzoeksopdrachten en de resultaten ervan, laboratoriumrapporten, radiologische beelden en rapporten, behandelingsplannen, enz. Het kan eenvoudig in het hele ziekenhuis en eventueel zelfs daarbuiten geraadpleegd worden.
Druktechniek waarbij flexibele, rubberen of kunststof drukplaten bevestigd worden op drukrollen. De inkt wordt op de drukplaten aangebracht, die dan als een stempel tegen het papier of ander substraat gedrukt worden.
Gandi Innovations – een wereldleider op het vlak van grootformaatprinters voor inkjet – werd opgericht in 2001. Het heeft zijn hoofdkantoor en zijn productieapparaat in Mississauga (Canada). Agfa Graphics kocht het merendeel van de activa van de Noord-Amerikaanse activiteiten en van de aandelen van de voornaamste buitenlandse dochterondernemingen van Gandi Innovations Holdings LLC. De overname werd succesvol afgerond in het begin van 2010.
Een dunne plaat (ook bord genoemd) waarop chips en andere elektronische componenten bevestigd worden. Computers bevatten een of meer borden. Gedrukte schakelingen worden ook printplaten of printed circuit boards genoemd.
Op polyester gebaseerde film die speciaal ontworpen is voor het opnemen en printen van alle hedendaagse types van soundtracks, zoals analoge en digitale soundtracks, Dolby, DTS (Digital Theater Systems) en SDDS (Sony Dynamic Digital Sound).
Ook breedformaatprinter genoemd. Digitale printer die op vellen of rollen van 24 inch/60 cm of breder drukt.
Een hardcopy is de uitgeprinte versie van een digitaal beeld. De hardcopyprinters van Agfa kunnen medische beelden printen die afkomstig zijn van verschillende bronnen: computertomografiescans (CT), Magnetic Resonance
Imaging-scans (MRI), systemen voor computed radiography en direct radiography, ... Agfa's gamma bevat zowel zogenaamde 'natte' als 'droge' printers. Natte lasertechnologie maakt gebruik van waterige chemische oplossingen voor de ontwikkeling van het beeld. De droge technologie (hardcopy dry) print het beeld rechtstreeks van de computer op een speciale film door middel van thermische effecten.
De in 1906 opgerichte Amerikaanse leverancier van producten en systemen voor drukvoorbereiding, industriële inkjet, pressroom en verpakkingsdruk heeft zijn hoofdkantoor in Totowa, New Jersey. Agfa Graphics nam de activa van de
Harold M. Pitman Company over in augustus 2011.
IMPAX is de merknaam van Agfa HealthCare's gamma aan Picture Archiving and Communication Systems (PACS) en Radiology Information Systems (RIS). Het sturingssysteem IMPAX 6.5 is het hart van Agfa HealthCare's IMPAX Suites. Op basis van de nieuwste PACS- en RIS-technologie, ondersteunt elke suite de activiteiten van een specifiek klantentype. Het aanbod gaat van uitgebreide oplossingen die alle beeldintensieve afdelingen van ondernemingen met meerdere vestigingen aan elkaar linken over oplossingen voor alleenstaande ziekenhuizen en beeldvormingscentra tot systemen die speciaal zijn toegespitst op radiologie, mammografie, cardiovasculaire beeldvorming of orthopedie.
Impositie is een essentiële stap in het drukvoorbereidingsproces. Het gaat om de optimale schikking van de pagina's van het drukwerk op het vel dat bedrukt zal worden. Door het vel zo goed mogelijk te vullen, optimaliseert impositietechnologie het druk- en bindproces en reduceert het de hoeveelheid papierafval.
Hiertoe behoort elke printer die extreem kleine inktdruppels op het papier aanbrengt om een beeld te creëren. Het kan gaan van kleine apparaten voor gebruik in kantoren, over middelgrote voor bijvoorbeeld het printen van posters tot grote systemen voor industriële toepassingen.
Insight Agents Gmbh heeft zijn thuisbasis in Heidelberg, Duitsland. Het ontwikkelt, produceert en verdeelt contrastmedia. In 2009 kocht Agfa HealthCare alle aandelen in Insight Agents van Curagita Holding AG.
Film waarmee kopieën gemaakt worden van de moederversie van een bioscoopfilm. Deze kopieën worden aan de bioscopen geleverd.
Afkorting van Light Amplification by Stimulated Emission of Radiation: een instrument dat een enkele lichtfrequentie versterkt binnen het spectrum om een gerichte, intense straal te creëren. Deze lichtstraal kan gebruikt worden om gegevens op een drukplaat of een film te schrijven. Er zijn thermische lasers en zichtbaar-lichtlasers. De eerste worden gebruikt met hittegevoelige materialen; de laatste beschrijven materialen die gevoelig zijn voor licht en kunnen opgedeeld worden in groene, violette en rode laserstralen, afhankelijk van voor welke band van het zichtbaar-lichtspectrum ze gevoelig zijn. Rood wordt vandaag nog weinig gebruikt, terwijl de populariteit van violette lasers aanzienlijk verhoogd is door hun gebruiksgemak, betrouwbaarheid en lage kost.
Een dunne, flexibele laag van een materiaal dat ontworpen is om componenten van een oplossing van elkaar te scheiden.
Hiermee worden in dit verslag de verschillende beeldvormingssystemen bedoeld, waaronder radiografieapparatuur, scanners voor positronemissietomografie, MRI-scanners en CT-scanners. Deze systemen kunnen worden aangesloten op een PACS-systeem van Agfa.
De MRI-scanner is een medische beeldvormer die een magnetisch veld creëert rond de patiënt. Het systeem produceert beelden door radiogolven te pulseren, gericht op de te onderzoeken lichaamsdelen. Agfa's productportfolio bevat geen MRI-scanners, maar zijn PACSsystemen worden gebruikt om de digitale beelden te beheren en te visualiseren. Met Agfa's hardcopyprinters kunnen hoogkwalitatieve afdrukken van de beelden gemaakt worden.
Bij deze onderzoeksmethode worden de structuur en de tolerantie van materialen gecheckt zonder ze te beschadigen of te vervormen.
Druktechniek waarbij dunne drukplaten om een cilinder gebogen worden. Al roterend nemen de drukplaten op de juiste plaatsen respectievelijk inkt of water aan. De inkt wordt overgebracht op een rubberen doek dat op een tweede cilinder is bevestigd. Vervolgens wordt de inkt van het rubber op het te bedrukken oppervlak overgebracht.
PET is de afkorting voor polyethyleentereftalaat of polyester. Het wordt geproduceerd op basis van ethyleenglycol en tereftaalzuur. PET is de basisgrondstof voor het substraat van fotografische film. Het wordt gecoat met verschillende types van chemische lagen voor bijvoorbeeld medische of grafische doeleinden.
Agfa's PACS-systemen worden op de markt gebracht onder de naam IMPAX. Oorspronkelijk waren deze systemen enkel bedoeld om de diagnostische beelden van radiologieafdelingen efficiënt te archiveren en ter beschikking te stellen van de gebruikers. Dankzij specifieke softwareontwikkelingen is IMPAX ook geschikt gemaakt voor gebruik in andere ziekenhuisafdelingen, zoals cardiologie, orthopedie en vrouwengeneeskunde. Uitgebreide PACSsystemen kunnen alle ziekenhuisafdelingen die intensief met beelden werken in een netwerk verbinden. Met Agfa's MUSICA²-software kunnen beelden op het PACS-systeem bewerkt en geoptimaliseerd worden.
Een plaatbelichter 'kopieert' op een digitale manier gegevens van de computer op drukplaten, die dan ontwikkeld en op de drukpers geplaatst worden. Er zijn vlakbed- en trommelplaatbelichters. In de eerste blijven de platen vlak tijdens het belichtingsproces, terwijl ze in het laatste geval rondom of binnenin een trommel bevestigd worden.
Een polymeer is een grote molecule die is opgebouwd uit aan elkaar gekoppelde kleinere eenheden (monomeren). Er bestaan zowel natuurlijke (bv. eiwitten en rubber) als synthetische (bv. polyester, nylon) polymeren. Geleidende polymeren, zoals Orgacon™, Agfa Materials' productlijn op basis van geleidende polymeren, geleiden elektriciteit. Ze worden gebruikt voor verschillende doeleinden zoals EL-lampen, touch pads, aanraakschermen, displays of dashboards.
Bij deze beeldvormingstechniek krijgt de patiënt een licht radioactieve stof ingespoten. De stof verspreidt zich naar de organen. Als er kwaadaardige tumoren aanwezig zijn, concentreert de stof zich op de aangetaste plaatsen. De PET-scanner meet de radioactieve straling die van de stof uitgaat en brengt zo de tumoren en eventuele uitzaaiingen in kaart. Agfa's productportfolio bevat geen PET-scanners, maar zijn PACS-systeem wordt gebruikt om de digitale beelden te beheren en te visualiseren.
Om vertragingen in het productieproces van drukwerk te voorkomen, is er een preflightproces ingebed in de drukvoorbereiding. Preflight is de procedure waarin bevestigd wordt dat de digitale bestanden die nodig zijn voor het drukken allemaal aanwezig, intact, van het juiste formaat en het juiste type zijn. De term komt van de checklistprocedure die piloten gebruiken voor het opstijgen.
Agfa's RIS-systemen worden op de markt gebracht onder de naam IMPAX. Het zijn computergestuurde oplossingen voor de planning, de follow-up en de communicatie van alle gegevens over patiënten en hun onderzoeken in de radiologieafdeling, startend vanaf het moment dat een onderzoek werd aangevraagd tot en met het rapport van de radioloog. Het RIS hangt nauw samen met het Picture Archiving and Communication System (PACS) (voor de beelden die deel uitmaken van de onderzoeken).
Het creëren van een patroon van punten van verschillende grootte, gebruikt om kleuren- of grijswaardenbeelden weer te geven. Er bestaan verschillende rastertechnologieën.
Shenzhen Brothers startte met het afwerken en verdelen van grafische filmmasterrollen van Agfa Graphics in 2000. Via deze samenwerking bouwde Shenzhen Brothers doorheen de jaren een toonaangevend en succesvol distributienetwerk op in de Chinese drukindustrie.
Via een geavanceerd PACS-systeem en een beveiligde internetverbinding kunnen ziekenhuizen of beeldvormingscentra hun digitale medische beelden voorleggen aan elders gevestigde radiologen of diagnosecentra. Telediagnose kan een middel zijn om het tekort aan radiologen op te vangen en artsen maken er gebruik van om beelden aan collega's voor te leggen voor een snelle tweede opinie.
Bij thermische plaatbelichting gebruikt de plaatbelichter thermische energie om de drukplaten te belichten
Agfa's ThermoFuse-technologie brengt beelden zonder chemisch proces op de drukplaat over. Het resultaat is een zeer stabiele en voorspelbare thermische belichting die op een efficiënte manier een einde maakt aan schommelingen en compromissen op de pers.
UV-inkt (of UV 'curable ink') bestaat vooral uit acrylmonomeren. Na het printen wordt de inkt door een hoge dosis ultraviolet licht getransformeerd tot een harde gepolymeriseerde film. UV-inkt droogt onmiddellijk, kan geprint worden op een grote verscheidenheid aan dragers en zorgt voor een heel duurzaam beeld. Hij bevat geen schadelijke bestanddelen zoals VOC's (Vluchtige Organische Componenten) of solventen en hij verdampt niet.
Violette lasertechnologie belicht drukplaten door gebruik te maken van de violette band van het zichtbaar lichtspectrum. Ze zorgt voor een snelle productie, eenvoudige bediening en grote betrouwbaarheid.
Bij de :M-Press vlakbedpers van Agfa Graphics ligt het papier (of een andere drager) op een vlak oppervlak, terwijl de printkoppen erover bewegen om het beeld erop te printen.
Software die operators in staat stelt het drukvoorbereidingsproces te controleren via een interface. Hij stroomlijnt de opdrachten door de individuele stappen in het drukvoorbereidingsproces te automatiseren, wat tijd bespaart en kosten reduceert.
Drukproces waarbij de inkt door een metalen of nylon zeef op het papier wordt gegoten. De zeef is door middel van sjablonen waterdicht gemaakt op de plaatsen waar het papier niet bedrukt moet worden.
| GECONSOLIDEERDE WINST- EN VERLIESREKENING 2006-2010 | ||
|---|---|---|
| ----------------------------------------------------- | -- | -- |
| miljoen euro | 2010 | 2009 | 2008 | 2007 | 2006 |
|---|---|---|---|---|---|
| Omzet | 2.948 | 2.755 | 3.032 | 3.283 | 3.401 |
| Kostprijs van verkopen | (1.950) | (1.869) | (2.069)2 | (2.136) | (2.102) |
| Brutowinst | 998 | 886 | 9632 | 1.147 | 1.299 |
| Verkoopkosten | (394) | (372) | (439) 2 | (523) | (564) |
| Kosten van onderzoek en ontwikkeling | (153) | (149) | (174) 2 | (191) | (193) |
| Algemene beheerskosten | (214) | (198) | (225)2 | (262) | (281) |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 336 | 309 | 451 | 333 | 312 |
| Overige bedrijfskosten | (339) | (306) | (599)2 | (379) | (508) |
| Winst/(verlies) uit bedrijfsactiviteiten | 234 | 170 | (23)2 | 125 | 65 |
| Renteopbrengsten (-kosten) - netto | (11) | (17) | (38) | (40)1 | (32) |
| Overige financiële opbrengsten (-kosten) - netto | (83) | (97) | (45)2 | (23)1 | (32) |
| Nettofinancieringslasten | (94) | (114) | (83)2 | (63) | (64) |
| Winst/(verlies) voor belastingen | 140 | 56 | (106) | 62 | 1 |
| Winstbelastingen | (36) | (49) | (60) | (19) | 15 |
| Winst/(verlies) over de verslagperiode | 104 | 7 | (166) | 43 | 16 |
| Winst/(verlies) toewijsbaar aan: | |||||
| Aandeelhouders van de Onderneming | 105 | 6 | (167) | 42 | 15 |
| Minderheidsbelangen | (1) | 1 | 1 | 1 | 1 |
| 104 | 7 | (166) | 43 | 16 | |
| Winst per aandeel (euro) | |||||
| Gewone winst per aandeel (euro) | 0,80 | 0,05 | (1,34) | 0,34 | 0,12 |
| Verwaterde winst per aandeel (euro) | 0,80 | 0,05 | (1,34) | 0,34 | 0,12 |
(1) De gerapporteerde cijfers van 2007 werden herwerkt. In het boekjaar 2008 werd de definitie van de 'Renteopbrengsten/ (-kosten)' in de geconsolideerde winst- en verliesrekeningen aangepast en bevat enkel nog betaalde en ontvangen interesten met betrekking tot elementen opgenomen in de netto financiële schuldpositie. Interesten op andere rentedragende activa en verplichtingen werden geherklasseerd naar de 'Overige financiële opbrengsten/(kosten)' in de geconsolideerde winst- en verliesrekeningen. Vergelijkende informatie over het boekjaar 2007 werd aangepast aan deze nieuwe voorstellingswijze. Voor het jaar 2007 werd 5 miljoen euro netto uit 'Renteopbrengsten' geherklasseerd naar 'Overige financiële opbrengsten'. De Groep meent dat deze herwerkte voorstellingswijze relevanter is voor de lezers van haar jaarrekening.
(2) Zoals gerapporteerd 2008, herwerkt. Tijdens 2009 heeft de Groep consequent het boekhoudkundige beleid toegepast dat ook in het voorgaande jaar gold, met uitzondering van de weergave van de kosten m.b.t. de 'Vaste-doel'-regelingen van de Groep. De rentekosten en het verwachte rendement op fondsbeleggingen, evenals het relatieve aandeel van de afschrijving van niet-opgenomen actuariële verliezen (winsten) die niet konden worden toegewezen aan actieve werknemers, werden geherklasseerd naar de 'Overige financiële opbrengsten (kosten)'. Voor 2009 werd voor 33 miljoen euro aan kosten geherklasseerd van de 'Winst uit bedrijfsactiviteiten' naar de 'Nettofinancieringslasten'. Vergelijkende informatie over 2008 werd aangepast aan deze nieuwe voorstellingswijze. Voor 2008 werd een opbrengst van 3 miljoen euro geherklasseerd van het 'Winst/(Verlies) uit bedrijfsactiviteiten' naar 'Netto financieringslasten'. De Groep meent dat deze herziene voorstelling de gebruikers van de jaarrekening relevantere informatie verschaft.
| MILjO eN EURO |
31 dec. 2010 |
31 dec. 2009 |
31 dec. 2008 |
31 dec. 2007 |
31 dec. 2006 |
|---|---|---|---|---|---|
| ACTIVA | |||||
| Vaste activa | 1.253 | 1.236 | 1.311 | 1.573 | 1.758 |
| Immateriële activa | 680 | 648 | 647 | 816 | 856 |
| Materiële vaste activa | 313 | 326 | 369 | 407 | 455 |
| Investeringen in deelnemingen | 14 | 9 | 13 | 20 | 29 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 246 | 2531 | 2821 | 330 | 351 |
| Leningen en vorderingen opgenomen in investeringen |
- | - | - | - | 65 |
| Afgeleide financiële instrumenten | - | - | - | - | 2 |
| Vlottende activa | 1.833 | 1.616 | 1.849 | 1.986 | 2.074 |
| Voorraden | 583 | 483 | 575 | 578 | 624 |
| Handelsvorderingen | 619 | 592 | 750 | 861 | 885 |
| Actuele belastingvorderingen | 68 | 762 | 612 | 60 | 121 |
| Overige vorderingen en overige vlottende activa |
295 | 3192 | 2682 | 303 | 335 |
| Activa aangehouden voor verkoop | - | 1 | - | - | 3 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 239 | 119 | 150 | 152 | 85 |
| Overlopende rekeningen | 19 | 18 | 19 | 21 | 19 |
| Derivaten | 10 | 8 | 26 | 11 | 2 |
| TOTAAL Activa | 3.086 | 2.852 | 3.160 | 3.559 | 3.832 |
| EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | |||||
| Eigen vermogen | 1.063 | 724 | 704 | 891 | 933 |
| Maatschappelijk kapitaal van Agfa-Gevaert NV | 187 | 140 | 140 | 140 | 140 |
| Uitgiftepremies van Agfa-Gevaert NV | 210 | 109 | 109 | 109 | 109 |
| Ingehouden winsten | 703 | 820 | 814 | 981 | 1.002 |
| Reserves | (68) | (282) | (273) | (288) | (289) |
| Valutakoersverschillen | 1 | (66) | (90) | (54) | (32) |
| Minderheidsbelangen | 30 | 3 | 4 | 3 | 3 |
| Langlopende verplichtingen | 1.053 | 1.263 | 1.556 | 1.553 | 1.382 |
| Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding |
559 | 570 | 601 | 654 | 721 |
| Langlopende verplichtingen met betrekking tot het personeel |
14 | 14 | 18 | 24 | 30 |
| Langlopende rentedragende verplichtingen | 379 | 553 | 809 | 740 | 445 |
| Langlopende voorzieningen | 24 | 44 | 64 | 69 | 72 |
| Overlopende rekeningen | 6 | 9 | 1 | 1 | 1 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 71 | 73 | 631 | 65 | 113 |
| Kortlopende verplichtingen | 970 | 865 | 900 | 1.115 | 1.517 |
| Kortlopende rentedragende verplichtingen | 21 | 11 | 14 | 133 | 344 |
| Handelsschulden | 246 | 206 | 226 | 275 | 313 |
| Uitgestelde omzet en vooruitbetalingen | 152 | 123 | 112 | 96 | 87 |
| Actuele belastingverplichtingen | 50 | 44 | 432 | 62 | 111 |
| Overige te betalen posten | 182 | 156 | 1622 | 175 | 230 |
| Kortlopende verplichtingen met betrekking tot het personeel |
114 | 86 | 71 | 89 | 93 |
| Kortlopende voorzieningen | 200 | 234 | 255 | 275 | 319 |
| Overlopende rekeningen | 4 | 3 | 5 | 7 | 13 |
| Derivaten | 1 | 2 | 12 | 3 | 7 |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 3.086 | 2.852 | 3.160 | 3.559 | 3.832 |
(1) In 2009 werden de 'Uitgestelde belastingvorderingen' en de 'Uitgestelde belastingverplichtingen' geherklasseerd naar respectievelijk 'Vaste activa' en 'Langlopende verplichtingen'. Vergelijkende informatie over het boekjaar 2008 werd aangepast aan deze nieuwe voorstellingswijze.
(2) In 2009 werden de 'Actuele belastingvorderingen' en de 'Actuele belastingverplichtingen' afzonderlijk voorgesteld in de geconsolideerde balans. De 'Actuele belastingvorderingen' en 'Actuele belastingverplichtingen' werden geherklasseerd van respectievelijk 'Overige vorderingen en overige vlottende activa' en van 'Overige te betalen posten'. Vergelijkende informatie over 2008 werd aangepast aan deze nieuwe voorstellingswijze.
| miljoen euro | 2010 | 2009 | 2008 |
|---|---|---|---|
| Winst/(verlies) uit bedrijfsactiviteiten | 234 | 170 | (23)1 |
| Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen | 96 | 103 | 235 |
| Wijzigingen in de reële waarde van derivaten | - | 4 | (4) |
| Aanpassing voor andere niet-kasopbrengsten | (2) | - | (1) |
| Verliezen/(winsten) uit de realisatie van vaste activa | (7) | (2) | (23) |
| Winst uit een voordelige verkoop | (4) | - | - |
| Wijzigingen in de langlopende voorzieningen | (107) | (116) | (100)1 |
| Wijzigingen in de kortlopende voorzieningen | (1) | (23) | (45)2 |
| Betaalde belastingen | (25) | (18) | (18)2 |
| Daling/(stijging) van de voorraden | (34) | 91 | (2) |
| Daling/(stijging) van de handelsvorderingen inbegrepen ontvangsten uit securitisatie van handelsvorderingen |
74 | 88 | 107 |
| Stijging/(daling) van de handelsschulden | (6) | (21) | (47) |
| Stijging/(daling) van de uitgestelde omzet en ontvangen vooruitbetalingen | 20 | 1 | 14 |
| Wijzigingen in de overige kortlopende activa en verplichtingen | (3) | (11) | (16)2-4 |
| Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | 235 | 266 | 774 |
| Investeringen in immateriële activa | (12) | (7) | (14) |
| Investeringen in materiële vaste activa | (48) | (34) | (49) |
| Ontvangsten uit de verkoop van immateriële activa | 3 | 4 | 2 |
| Ontvangsten uit de verkoop van materiële vaste activa | 6 | 7 | 34 |
| Ontvangsten uit activa aangehouden voor verkoop | 5 | - | - |
| Ontvangsten uit de lease portfolio | 32 | 33 | 373 |
| Overnames | (71) | (7) | - |
| Ontvangen renten en dividenden | 3 | 2 | 3 |
| Ontvangsten uit overige investeringsactiviteiten | 6 | - | 43 |
| Nettokasstromen uit investeringsactiviteiten | (76) | (2) | 17 |
|---|---|---|---|
| Netto-uitgifte van leningen | (176) | (255) | (56) |
| Betaalde rente en divindenden | (15) | (22) | (41) |
| Kapitaalbijdragen van derden | 145 | - | - |
| Overige financieringskasstromen | (3) | (16) | 3 |
| Nettokasstromen uit financieringsactiviteiten | (49) | (293) | (94)4 |
|---|---|---|---|
| Kasstromen tijdens de periode | 110 | (29) | 0 |
| Impact van valutakoersverschillen | 10 | 5 | (2) |
| Impact van wijziging in consolidatiekring | - | (7) | - |
| Wijzigingen in geldmiddelen en kasequivalenten | 120 | (31) | (2) |
|---|---|---|---|
| Geldmiddelen en kasequivalenten bij het begin van het jaar | 118 | 149 | 151 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten per einde boekjaar | 238 | 118 | 149 |
(1) Zoals gerapporteerd 2008, herwerkt. Tijdens het eerste kwartaal van 2009 heeft de Groep de weergave van de kosten m.b.t. de 'vaste doel'-regelingen van de Groep gewijzigd. De rentekosten en het verwachte rendement op fondsbeleggingen, evenals het relatieve aandeel van de afschrijving van niet-opgenomen actuariële verliezen (winsten) die niet konden worden toegewezen aan actieve werknemers, werden geherklasseerd naar 'Overige financiële opbrengsten (kosten)'. Vergelijkende informatie over 2008 werd aangepast aan deze nieuwe voorstellingswijze. De lijnen 'Winst/(Verlies) uit bedrijfsactiviteiten' en 'Wijzigingen in de langlopende voorzieningen' in het geconsolideerd kasstroomoverzicht werden beïnvloed door deze herwerking.
(2) De gerapporteerde cijfers van 2008 werden herwerkt. In de loop van het vierde kwartaal van 2009 werden de betaalde belastingen op een afzonderlijke lijn gepresenteerd in het kasstroomoverzicht. De betaalde belastingen werden geherklasseerd uit de lijnen 'Wijzigingen in de kortlopende voorzieningen', 'Wijzigingen in de overige kortlopende activa en verplichtingen' en 'Over de verslagperiode verschuldigde belastinglasten'. Vergelijkende informatie over 2008 werd aangepast aan deze nieuwe voorstellingswijze.
(3) De gerapporteerde cijfers van 2008 werden herwerkt. In de loop van het vierde kwartaal van 2009 werden de 'Ontvangsten uit de lease portfolio' op een aparte lijn gepresenteerd in het kasstroomoverzicht. Deze ontvangsten uit de lease portfolio werden geherklasseerd uit de lijn 'Netto-investeringen in deelnemingen en financiering toegekend aan klanten'. Deze laatste lijn kreeg een andere benaming: 'Ontvangsten uit overige investeringsactiviteiten'.
(4) De gerapporteerde cijfers van 2008 werden herwerkt. In 2009 wordt de 'Voorfinanciering door (van) AgfaPhoto m.b.t. de vroegere verkoop van CI' niet langer weergegeven op een afzonderlijke lijn gezien het immateriële belang. Vergelijkende informatie over 2008 werd aangepast aan deze nieuwe voorstellingswijze. In 2008 werd 4 miljoen euro geherklasseerd naar de lijn 'Wijzigingen in de overige kortlopende activa en verplichtingen'.
| miljoen euro | 2007 | 2006 |
|---|---|---|
| Winst uit bedrijfsactiviteiten | 125 | 65 |
| Over de verslagperiode verschuldigde belastinglasten | (53) | (54) |
| Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen | 148 | 159 |
| Wijzigingen in de reële waarde van derivaten | (2) | (3) |
| Aanpassing voor andere niet-kasopbrengsten | (2) | (1) |
| Verliezen/(winsten) uit de realisatie van vaste activa | (17) | (21) |
| Wijzigingen in de langlopende voorzieningen | (106) | 9 |
| Verlies/(winst) uit afstotingen | 1 | 4 |
| Brutokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | 94 | 140 |
| waarvan uit de beëindigde bedrijfsactiviteiten | (35) | (51) |
| Wijzigingen in de kortlopende voorzieningen | (14) | 37 |
| Daling/(stijging) van de voorraden | 26 | (58) |
| Daling/(stijging) van de handelsvorderingen | 1 | (57) |
| Stijging/(daling) van de handelsschulden en uitgestelde omzet | (17) | 38 |
| Wijzigingen in de overige kortlopende activa en verplichtingen | 18 | 7 |
| Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | 108 | 107 |
| waarvan uit de beëindigde bedrijfsactiviteiten | (13) | (25) |
| Investeringen in immateriële activa | (29) | (28) |
| Investeringen in materiële vaste activa | (71) | (77) |
| Ontvangsten uit de verkoop van immateriële activa | 2 | - |
| Ontvangsten uit de verkoop van materiële vaste activa | 37 | 27 |
| Ontvangsten uit de verkoop van activa aangehouden voor verkoop | 19 | 4 |
| Netto-investeringen in deelnemingen en financiering toegekend aan klanten | 67 | 62 |
| Betaalde belastingen op vroegere verkopen | - | - |
| Ontvangen rente en dividenden | (38) | (53) |
| Vroegere overname | 2 | 13 |
| Afstotingen | 35 | 6 |
| Nettokasstromen uit investeringsactiviteiten | (8)5 | (46) |
| waarvan uit de beëindigde bedrijfsactiviteiten | 345 | 37 |
| Netto-uitgiften van leningen | 106 | (39) |
| Betaalde rente | (43)5 | (38) |
| Overige financieringsstromen | (9)5 | 14 |
| Betaalde dividenden | (63) | (63) |
| Ingekochte eigen aandelen | - | - |
| Kapitaalverhogingen | - | - |
| Voorfinanciering door (van) AgfaPhoto met betrekking tot de vroegere verkoop van Consumer Imaging |
(17) | (4) |
| Nettokasstromen uit financieringsactiviteiten | (26)5 | (130) |
| waarvan uit de beëindigde bedrijfsactiviteiten | (13)5 | (4) |
| Kasstromen tijdens de periode | 74 | (69) |
| Impact van valutakoersverschillen | (6) | (16) |
| Wijzigingen in geldmiddelen en kasequivalenten | 68 | (85) |
| Geldmiddelen en kasequivalenten bij het begin van het jaar | 83 | 168 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten per einde boekjaar | 151 | 83 |
(5) De gerapporteerde cijfers van 2007 werden herwerkt. In het boekjaar 2008, werd de definitie van de 'Renteopbrengsten/(-kosten)' in de geconsolideerde winst- en verliesrekeningen aangepast en bevat enkel nog betaalde en ontvangen interesten met betrekking tot elementen opgenomen in de netto financiële schuldpositie. Interesten op andere rentedragende activa en verplichtingen werden geherklasseerd naar de 'Overige financiële opbrengsten/(kosten)' in de geconsolideerde winst- en verliesrekeningen en naar 'Overige financieringsstromen' in het geconsolideerd kasstroomoverzicht. Vergelijkende informatie over het boekjaar 2007 werd aangepast aan deze nieuwe voorstellingswijze.
| Notering | Aandelenbeurs van Brussel |
|---|---|
| Reuters ticker | AGFAt.BR |
| Bloomberg ticker | AGFA BB/AGE GR |
| Datastream | B:AGF |
Op grond van de informatie waarover de Vennootschap beschikt ingevolge transparantieverklaringen die overeenkomstig de wettelijke en statutaire bepalingen ter zake werden ontvangen, zijn de belangrijkste aandeelhouders op dit ogenblik:
Aangezien de Vennootschap momenteel in het bezit is van 2,39% eigen aandelen, ligt de free float momenteel tussen 72,61% en 83,61%.
| Eerste notering | 1 juni 1999 |
|---|---|
| Aantal uitstaande aandelen op 31 december 2010 | 167.751.190 |
| Beurskapitalisatie op 31 december 2010 | 537 miljoen euro |
| In euro | 2010 | 2009 | 2008 | 2007 | 2006 |
|---|---|---|---|---|---|
| Winst per aandeel | 0,80 | 0,05 | (1,34) | 0,34 | 0,12 |
| Nettobedrijfskasstroom per aandeel | 1,80 | 2,13 | 0,621 | 0,87 | 0,86 |
| Brutodividend | 0 | 0 | 0 | 0 | 0,50 |
| Beurskoers aan het einde van het jaar | 3,2 | 4,53 | 1,86 | 10,49 | 19,36 |
| Hoogste beurskoers van het jaar | 6,60 | 4,55 | 10,65 | 20,20 | 21,35 |
| Laagste beurskoers van het jaar | 2,99 | 1,25 | 1,77 | 6,63 | 13,95 |
| Gemiddelde volume verhandelde aandelen/dag | 865.221 | 725.279 | 1.099.793 | 1.020.110 | 851.367 |
| Gewogen gemiddelde aantal uitstaande gewone aandelen |
130.571.878 | 124.788.430 | 124.788.430 | 124.788.263 | 124.781.170 |
(1) Zoals gerapporteerd in 2008, herwerkt.
Afdeling Investor Relations tel. +32-(0)3-444 7124 Septestraat 27, B-2640 Mortsel, België fax +32-(0)3-444 4485 www.agfa.com/investorrelations [email protected]
| 26 april 2011 | Jaarlijkse Algemene Vergadering |
|---|---|
| 11 mei 2011 | Resultaten eerste kwartaal 2011 |
| 24 augustus 2011 | Resultaten tweede kwartaal 2011 |
| 16 november 2011 | Resultaten derde kwartaal 2011 |
| ÷. | ||
|---|---|---|
| ÷. | ||
| ,我们也不能在这里的时候,我们也不能在这里的时候,我们也不能会不能会不能会不能会不能会不能会不能会不能会不能会不能会不能会不能会不能会不 | London Communica | |
| ÷ | ||
Uitgegeven door Agfa-Gevaert NV Corporate Communication Septestraat 27 B-2640 Mortsel België TEL +32 3 444 7124 FAX +32 3 444 4485 www.agfa.com
Agfa, de Agfa-rombus en andere vermelde Agfa-producten en -diensten zijn geregistreerde handelsmerken van de Agfa Groep. Ze kunnen in bepaalde jurisdicties geregistreerd zijn in naam van Agfa, België, of een van zijn filialen.
Alle andere handelsmerken, productnamen en bedrijfsnamen of -logo's die in dit verslag vermeld worden, zijn eigendom van hun respectieve eigenaars.
Ontwerp, productie & coördinatie: Magelaan, Gent
Fotografie: Agfa Publishing Library (tenzij anders vermeld)
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.