Annual Report (ESEF) • Apr 7, 2023
Preview not available for this file type.
Download Source FileBeste aandeelhouder,
Frank Aranzana,
Voorzitter van de Raad van Bestuur
Pascal Juéry,
CEO
4 2022-2023 2022-2023
Ondanks de ongekende economische en geopolitieke instabiliteit bleven wij ons dit jaar onverminderd concentreren op de toekomst. We bereikten belangrijke mijlpalen in ons transformatieproces. Net als andere ondernemingen over de hele wereld werden we zwaar getroffen door de gebeurtenissen in Oekraïne, COVID-lockdowns die vooral in China het leven van mensen en de economische activiteit bleven verstoren, een wereldwijde groeivertraging en een ongekende inflatie. De inputkosten voor grondstoffen, energie, verpakking, transport en lonen stegen en de toeleveringsketens werden verstoord.
Ondanks deze moeilijke omstandigheden hebben onze teams over de hele wereld vastberaden samengewerkt. We zijn consequent en gedisciplineerd gebleven in onze aanpak om ons te richten op groeimarkten, ook al leidde dit soms tot moeilijke beslissingen. We hebben onze focus op onze drie belangrijkste groeimotoren aangescherpt: IT voor de gezondheidszorg, digitaal drukken en onze toonaangevende elektrolysemembranen voor de productie van groene waterstof, Zirfon. Ik ben er ook trots op dat we aanzienlijke en concrete vooruitgang hebben geboekt met betrekking tot ons duurzaamheidsbeleid, zowel op het vlak van onze mensen als van milieu- impact.
De onderneming vormgeven voor toekomstige groei
ONZE ACTIEPUNTEN KIEZEN
In 2022 situeerde 80 procent van onze activiteiten zich in rijpe of krimpende markten. In 2023 zal dit verschuiven naar slechts 50 procent, waarbij de rest van onze focus zal liggen op groeigebieden. In 2022 hebben we Inca Digital Printers overgenomen, een toonaangevende ontwikkelaar en producent van geavanceerde hogesnelheidsdruk- en productietechnologieën. Hierdoor krijgen we nog meer toegang tot de groeiende markt van het digitaal drukken. We ontvingen ook de prestigieuze essenscia Innovation Award 2022 voor onze baanbrekende Zirfon-membraantechnologie. Aan de andere kant van het spectrum sloten we een overeenkomst met Aurelius Group voor de verkoop van onze Offset Solutions-divisie. Hierdoor krijgen onze collega's in die divisie de grootste kans op verder succes en kan Agfa zijn inspanningen heroriënteren op groeiende marktsegmenten.
ONZE WERKMETHODES KIEZEN
In ons streven om een eenvoudig, flexibel en toekomstgericht organisatiemodel te bouwen, hebben we stappen ondernomen om onze interne financiële diensten te reorganiseren en zijn we voor onze interne IT-activiteiten in zee gegaan met Atos. We stroomlijnden onze aanpak van onze Direct Radiography-activiteiten, waardoor ze de beste kans op succes kregen. Dit leidde eveneens tot de beslissing om onze activiteiten te herstructureren en onze historische vestiging in München te sluiten, waarbij het personeel overging naar alternatieve kantoren of thuiswerkoplossingen.
5 Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
Ter ondersteuning van onze strategische transformatie investeerden we in 2022 5,4% van de omzet in onderzoek & ontwikkeling. Dit is een bewijs van ons voortdurende engagement om innovatieve oplossingen te ontwikkelen die een aanzienlijke toegevoegde waarde bieden aan onze klanten en, bij uitbreiding, aan de maatschappij in het algemeen.
Duurzaam groeien
Duurzaamheid in al zijn vormen is uiterst belangrijk voor ons. We blijven inspanningen leveren op alle gebieden, we streven ernaar elk jaar beter te worden en we geven het goede voorbeeld in alle sectoren die wij vertegenwoordigen. We zijn tevreden dat we in 2022 al enkele belangrijke stappen hebben gezet op het gebied van Diversiteit, Gelijkheid & Inclusie met de oprichting van onze Global DEI Council. Er werden ook drie Employee Resource Groups (ERG's) opgericht rond de thema's Gender, Etniciteit en Samenwerking tussen generaties. Elk van deze ERG’s wordt geleid door een vrijwillige medewerker.
In 2022 hebben we onze uitstoot van broeikasgassen verder verminderd. We hebben besloten te investeren in onze productie-installaties in Mortsel om de uitstoot van de site met nog eens 15% te verlagen en we voeren de investeringen in onze energietransitie op. 100% van het volume aangekochte elektriciteit voor onze Belgische vestigingen is nu afkomstig van hernieuwbare bronnen.
We organiseerden in 2022 ook onze allereerste ondernemingsbrede betrokkenheidsenquête, waaraan bijna 70 procent van de personeelsleden deelnam. Er werden al initiatieven genomen om hiaten op het vlak van bepaalde onderwerpen te dichten en om een vlottere communicatie doorheen de organisatie mogelijk te maken. Dit zal blijven evolueren aangezien we ook onze bedrijfscultuur onder de loep nemen.
Onze EcoVadis-rating is in 2022 licht gestegen. Hoewel we nu nog steeds een bronzen rating hebben, vertrouwen wij erop dat onze ambitie om tegen 2025 een zilveren rating te bereiken, kan worden verwezenlijkt.
Financiële resultaten van de Agfa-Gevaert Groep in 2022
RESULTATEN
Exclusief wisselkoerseffecten groeide de omzet van onze Groep met 1% onder impuls van de divisies HealthCare IT en Digital Print & Chemicals. Door het toegenomen momentum in de tweede jaarhelft groeide de omzet van HealthCare IT in Noord-Amerika en Europa tegenover het voorgaande jaar. De groei werd aangedreven door de omzet- erkenning in het kader van een aantal belangrijke contracten, evenals door de stabilisatie van de recurrente omzet. De erg positieve evolutie van de order intake toont aan dat de strategie voor onze activiteiten in de erg concurrentiegevoelige markt van de gezondheidszorg-IT zijn vruchten afwerpt. De omzetting van de omzetgroei in EBITDA werd vertraagd door post-COVID-herinvesteringen in O&O en commerciële inspanningen.
De medische filmactiviteiten van de divisie Radiology Solutions werden sterk beïnvloed door de COVID-lockdowns in China. In veel delen van het land zorgden de lockdowns ervoor dat mensen niet naar het ziekenhuis konden voor onderzoeken en behandelingen. De 6 2022-2023 2022-2023
omzet van de Direct Radiography-activiteiten begon aan te trekken in de tweede jaarhelft. Een sterke omzetgroei werd genoteerd in ASPAC en LATAM. Voorts blijft het orderboek van Direct Radiography sterk. De rendabiliteit van de divisie leed onder marge- en volumedruk in China.
De omzet van Digital Print & Chemicals was vooral gebaseerd op de sterke groei in de sign & display-activiteiten. Voorts doet het ook deugd te zien dat onze Zirfon-membranen voor groene waterstofproductie nu van de grond komen. In 2022 schaalden we de productie op naar een stabiel regime en in maart 2023 valideerde de Raad van Bestuur een investering in een nieuwe industriële unit voor Zirfon in onze vestiging in Mortsel, België. De rendabiliteit van de divisie werd sterk beïnvloed door kosteninflatie en eenmalige effecten.
Dankzij prijsstijgingen bleef de omzet van de divisie Offset Solutions stabiel. De brutowinstmarge van onze Groep bleef stabiel op 28,5% van de omzet, vooral door prijsverhogingen om de sterke impact te compenseren van de kostinflatie en verstoringen van de toeleveringsketen.
De aangepaste EBITDA van de Groep daalde met 9% versus 2021 door de voortdurende kost-inflatie, door lockdowns in China en door een zwakkere vraag in markten buiten de gezondheidszorg. Het nettoverlies van de Groep was vooral het gevolg van non-cash waardeverminderingen en bijkomende belastingen in verband met de carve-out van Offset Solutions en met de waardeverminderingen. De netto financiële schuld evolueerde van een kasoverschot van 325 miljoen euro aan het einde van 2021 tot een kasoverschot van 72 miljoen euro. De netto financiële schuld werd geïmpacteerd door de Inca-overname, het aandeleninkoopprogramma, de transformatie-inspanningen alsook door de stijging in werkkapitaal en de verstoring in de toeleveringsketen.
VOORUITZICHTEN
Voor de Groep in het geheel verwachten we voor het volledige jaar 2023 een herstel van de rendabiliteit tegenover 2022. We geloven dat de groeistrategie die we ontwikkelden voor de divisie HealthCare IT in 2023 een omzetstijging zal opleveren, evenals een groei van de aangepaste EBITDA met dubbele cijfers. Voor Radiology Solutions wordt stabiliteit verwacht, met een voortdurende druk op de marges van medische film. We verwachten dat de vooruitgang voor Direct Radiography die in de tweede helft van 2022 werd geboekt, zich zal doorzetten. Tot slot denken we dat Digital Print & Chemicals de rendabiliteit zal kunnen herstellen op basis van prijsacties, van acties ter verbetering van de kosten en van een positieve bijdrage van de Inca-overname en van de Zirfon-membranen. De omzet van Zirfon zal sterk blijven groeien.
Wat ligt er in het verschiet voor 2023
2023 wordt voor ons een keerpunt.Voor het eerst in 36 jaar zullen we een nieuwe industriële unit bouwen in ons Belgische hoofdkantoor, waarmee we de productie van ons 7Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022 Zirfon-membraan zullen opvoeren. Voor het eerst sinds 2017 zal ons totale aantal werkuren in de vestiging toenemen. Dit is een mooie illustratie van de herpositionering van onze onderneming naar verdere groei. We verwachten echter niet dat dit jaar gemakkelijk zal zijn, aangezien veel van de externe omstandigheden waarmee wij nu te maken hebben, tot ver in 2023 en misschien zelfs daarna zullen voortduren. Maar de weg voorwaarts is duidelijk en we zullen onze inspanningen hernieuwen om de onderneming te managen met het oog op de toekomst op lange termijn. Voortbouwend op onze erfenis zullen we blijven innoveren, niet alleen in wat we doen, maar ook in hoe we het doen – met als uiteindelijke doel onze klanten en eindgebruikers zo goed mogelijk tevreden te stellen. Wij zullen dit doen met onze toegewijde medewerkers over de hele wereld. Zonder deze teams van gemotiveerde personen zouden we onze doelstellingen niet kunnen bereiken of onze gekozen koers voor groei in 2023 en daarna niet zouden kunnen volgen. We willen onze klanten en distributeurs bedanken voor het vertrouwen dat zij in ons bedrijf stellen. We zijn vastbesloten hen te blijven ondersteunen met de meest geavanceerde, kwalitatieve en betrouwbare producten en diensten. We willen ook onze mensen bedanken – de combinatie van hun motivatie, vaardigheden en streven naar uitmuntendheid vormt een solide basis voor het succes van ons lopende transformatieprogramma. En tot slot willen we onze aandeelhouders bedanken voor hun voortdurende steun en vertrouwen in het afgelopen jaar.
| Herwerkt | |||||
| WINST- EN VERLIESREKENING | |||||
| Opbrengsten | 3.331 | 2.578 | 2.457 | 2.474 | 2.367 |
| Evolutie t.o.v. vorig jaar | -1.9% | -5.7% | -20.7% | +1.3% | +9.8% |
| HealthCare IT | 248 | 163 | 110 | 135 | 156 |
| Aandeel in groepsomzet | 11% | 12% | 15% | 13% | 15% |
| Radiology Solutions | 516 | 507 | 418 | 476 | 483 |
| Aandeel in groepsomzet | 16% | 15% | 12% | 17% | 18% |
| Digital Print & Chemicals | 557 | 488 | 118 | 552 | 513 |
| Aandeel in groepsomzet | 18% | 17% | 15% | 18% | 14% |
| Offset Solutions | 721 | 656 | 415 | 452 | 445 |
| Aandeel in groepsomzet | 25% | 26% | 21% | 20% | 18% |
| Brutowinst | 471 | 378 | 314 | 315 | 318 |
| Winst (verlies) uit bedrijfsactiviteiten | 13 | (25) | (18) | 7 | (319) |
| Netto financiële lasten | (25) | (27) | (23) | (7) | (35) |
| Winstbelastingen | (26) | (26) | (18) | (18) | (23) |
| Winst (verlies) toewijsbaar aan Aandeelhouders van de onderneming | (26) | (29) | 731 | (26) | (126) |
| Minderheidsbelangen | (16) | (26) | 712 | (25) | (114) |
| Reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten | 7 | 18 | 5 | 6 | (1) |
| Aangepaste EBIT | 137 | 55 | 27 | 15 | 59 |
| Aangepaste EBITDA | 213 | 218 | 77 | 216 | 76 |
| KASSTROOM | |||||
| Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | (15) | 126 | (126) | (117) | (146) |
| Investeringsuitgaven | (1) | (24) | (21) | (25) | (17) |
| BALANS - 31 DECEMBER | |||||
| Eigen vermogen | 170 | 154 | 130 | 127 | 113 |
| Netto financiële schuld | 155 | 131 | (143) | (123) | 41 |
| Vlottende activa verminderd met kortlopende verplichtingen | 175 | 157 | 131 | 127 | 113 |
| Totale activa | 1.679 | 1.536 | 1.376 | 1.478 | 1.397 |
| AANDELENINFORMATIE (EURO) | |||||
| Winst per aandeel | (0.15) | (0.21) | 0.77 | (0.11) | (1.51) |
| Nettobedrijfskasstroom per aandeel | (0.17) | 0.17 | (0.71) | (0.78) | (0.77) |
| Brutodividend | - | - | - | - | - |
| Aantal uitstaande gewone aandelen met stemrecht op jaareinde | 39.491.413.188 | 39.491.413.188 | 39.491.413.188 | 39.491.413.188 | 39.491.413.188 |
Agfa in de wereld
Agfa’s belangrijkste productie- en O&O-centra
12
"Bij Agfa streven we ernaar een positief verschil te maken in het leven van onze klanten, de eindgebruikers, de patiënten en de hele planeet. Onze innovatieve, klantgerichte benadering van digitale informatiesystemen en beeldvorming, in uiteenlopende markten zoals de gezondheidszorg, de grafische industrie, de industriële sector en de energietransitiesector, is gebaseerd op meer dan 150 jaar expertise van wereldklasse. Wij zetten ons in om te voldoen aan de behoeften van de klant van vandaag en tegelijkertijd innoveren we op een verantwoorde, transparante en duurzame manier voor de wereld van morgen."
Pascal Juéry, CEO van de Agfa-Gevaert Groep
HQ
VS
Bushy Park
Canada
Mississauga
Waterloo
Italië
Manerbio
Macerata
Israël
Netanya
Oostenrijk
Wenen
België
Mortsel
Heultje
Gent
Brazilië
Suzano
China
Shanghai
Wuxi Imaging
Wuxi Printing
Duitsland
München
Peissenberg
Schrobenhausen
Wiesbaden
Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
13
31 - De European Digital Press Association beloont niet minder dan drie Agfa-innovaties die in 2021 werden geïntroduceerd: de Jeti Tauro H3300 UHS hybride grootformaatdrukpers, de InterioJet decorpapier-drukpers op waterbasis voor laminaatoppervlakken en het Alussa-leerdruksysteem.
9 - Thyssenkrupp nucera tekent een aankoopcontract met Agfa voor de levering van een aanzienlijk volume van Agfa's Zirfon-scheidingsmembranen voor gebruik in grootschalige waterstofprojecten.
1 - Nathalie McCaughley vervoegt de Agfa-Gevaert Groep als President van de HealthCare IT-divisie. Ze is een doorgewinterde leider in gezondheidszorg-IT met meer dan 20 jaar ervaring in verschillende verkoop- en algemene managementfuncties.
5 - Het recentste ‘Middle East & Africa PACS 2022’-rapport van KLAS Research bevestigt Agfa HealthCare als een van de meest frequent in aanmerking genomen leveranciers in het Midden-Oosten en Afrika.
8 - Spire Healthcare, een van de grootste Britse verstrekkers van privégezondheidszorg, kiest Agfa's DR-oplossingen, aangedreven met de MUSICA®-software, voor een aanzienlijk aantal van zijn 40 ziekenhuizen.
7 - Atos en Agfa sluiten een belangrijk partnerschap waarbij Atos Agfa zal begeleiden in zijn digitale transformatie. Atos zal een groot deel van Agfa's interne IT-diensten leveren en beheren en de digitale reis van de onderneming ondersteunen.
14 1 - Agfa neemt het Britse Inca Digital Printers over en versterkt zo zijn positie in de sign & display- en industriële drukmarkten.
30 - In het kader van het lopende transformatieproces tekent Agfa een overeenkomst voor de aankoop van aandelen met Aurelius Group voor de verkoop van zijn divisie Offset Solutions. De verkoop zal Agfa in staat stellen zich meer te concentreren op zijn groeiactiviteiten, wat cruciaal is voor het toekomstige succes in zijn markten.
19 - Agfa ontvangt de
12 - Agfa ontvangt de nieuwe Europese MDR-certificering (Medical Device Regulation), uitgereikt door Intertek. Dankzij de certificering kan Agfa zijn radiologieoplossingen blijven innoveren om tegemoet te komen aan de meest recente behoeften en vereisten van de klanten.
19 - Agfa HealthCare wordt erkend in de categorie 'Leaders' in de IDC MarketScape Vendor Assessment voor Europa, en wordt erkend voor zijn industrie-expertise, zijn analytische mogelijkheden en zijn integratiemotor. In november wordt dezelfde leiderspositie bevestigd voor Agfa HealthCare's activiteiten in de Verenigde Staten.
27 - Agfa HealthCare introduceert 'That's life in flow' op RSNA en toont hoe Enterprise Imaging een optimale werkervaring creëert voor radiologen.
30 - Voor het tweede opeenvolgende jaar ontvangt Agfa HealthCare de prestigieuze erkenning van ‘Cybersecurity Transparent Leader’, toegekend door KLAS Research en Censinet. Dit toont het engagement van de onderneming tegenover zijn klanten om hen te ondersteunen bij het leveren van veilige patiëntenzorg.
13 - Het ‘2022 Europe PACS’-rapport van KLAS Research bevestigt dat Agfa HealthCare een van de meest uitgebreide marktposities heeft met een sterke klantenbasis. Bovendien is Agfa HealthCare gevalideerd voor de grootste beeldvormingsvolumes: het ondersteunt klanten die ongeveer vier miljoen onderzoeken per jaar verwerken.
30 - Vijf van Agfa's inkjetdrukoplossingen worden bekroond met een Pinnacle Product Award van PRINTING United Alliance. De Pinnacle Product Awards zijn een erkenning voor producten die de drukindustrie verbeteren of vooruithelpen met uitzonderlijke bijdragen op het vlak van kwaliteit, capaciteit en productiviteit.
Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
15
16
19
20
21
23
23
23
24
26
30
34
39
42
45
48
51
51
51
54
55
68
71
77
77
77
78
80
81
85
88
90
93
101
101
102
103
107
297
298
300
301
302
17
18
Het Agfa duurzaamheidsverslag is opgesteld om de strategie, het bedrijfsmodel, het bestuur, de risico's en kansen, de prestaties en de toekomstige vooruitzichten van de Agfa Groep met betrekking tot duurzame ontwikkeling voor te stellen. Dit verslag is Agfa's manier om zijn belanghebbenden en andere lezers inzicht te geven in de waarden, de initiatieven en de algemene vooruitgang van de Groep met betrekking tot duurzaamheid in 2022. Voor een grondig en volledig begrip van de algemene prestaties van de Groep moet dit verslag samen met het volledige Agfa Jaarverslag 2022 gelezen worden.
De informatie en de gegevens in dit verslag hebben betrekking op de periode van 1 januari 2022 tot 31 december 2022. Agfa publiceert zijn duurzaamheidsrapporten op jaarbasis – de rapporten van de vorige jaren zijn te vinden op www.agfa.com.
Dit verslag werd opgesteld met de standaarden van het Global Reporting Initiative (GRI) als belangrijkste referentierichtlijn. De VN 2030-agenda voor duurzame ontwikkeling en de 17 bijbehorende doelstellingen voor duurzame ontwikkeling (SDG's) worden gebruikt als referentie om belangrijke strategische onderwerpen en realisaties te belichten, aangezien zij ons een belangrijk kader bieden om onze prioriteiten te definiëren, met elkaar te verbinden en onze impact te beschrijven. Dit helpt ons om de doelstellingen van onze activiteiten, de verschillende implicaties op operationeel niveau en onze uitwisselingen met collega-bedrijven te definiëren.
Dit jaarverslag voldoet aan de Europese richtlijnen voor niet-financiële rapportering (omgezet in de Belgische wetgeving van 3 september 2017). De Agfa-Gevaert Groep valt onder het toepassingsgebied van de Taxonomie-verordening (Verordening (EU) 2020/852) en haar Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2178.
19
Tenzij anders vermeld:
De kwantitatieve gegevens die gerapporteerd worden voor de delen onder 'Focus op onze mensen' hebben betrekking op alle entiteiten van de Agfa Groep, d.w.z. productievestigingen wereldwijd, administratieve faciliteiten en verkooporganisaties. Personen die een arbeidsovereenkomst met Agfa hebben, inclusief contracten met een tijdelijke inactieve (d.w.z. opgeschorte) status, vallen onder het toepassingsgebied.# Uitbestede activiteiten, externe consultants en tijdelijk personeel van uitzendbureaus (of op de loonlijst van het uitzendbureau) zijn uitgesloten van de gegevens.
De kwantitatieve gegevens in het deel over Diversiteit, Gelijkheid en Inclusie worden globaal verzameld door de personeelsafdeling, met behulp van een SAP-databank met één bron om de informatie te centraliseren. Maandelijks wordt een intern verslag gegenereerd om veranderingen te volgen.
Om uw feedback of vragen met betrekking tot het Duurzaamheidsverslag van Agfa te delen, gelieve onze website te bezoeken: https://www.agfa.com/corporate/contact/
"Duurzaamheid is een kritisch focuspunt voor Agfa, omdat we het belang erkennen van het behoud van de planeet en haar natuurlijke bronnen voor toekomstige generaties. We begrijpen dat bedrijven een aanzienlijke impact hebben op het milieu en dat we de verantwoordelijkheid hebben om onze ecologische voetafdruk te minimaliseren. Bij Agfa zetten we ons in om duurzame praktijken te implementeren in al onze activiteiten, met inbegrip van het verminderen van ons energie- en waterverbruik, het bevorderen van verantwoordelijke inkooppraktijken en het verminderen van afval. Ons doel is niet alleen waarde te creëren voor onze klanten, maar ook voor de maatschappij in haar geheel, door mee te bouwen aan een duurzamere toekomst."
, Agfa Head of Sustainability
20 duurzaamheid 21
“Ik zie het effect van aandacht voor duurzame praktijken elke dag – en in alles wat we doen – of het nu gaat om mensen, het milieu, de manier waarop we produceren en zelfs onze prestaties. Ik ben ervan overtuigd dat het onze rol is om een katalysator te zijn voor verandering naar een duurzamere wereld. Als onderneming hebben we zeker niet alle antwoorden voor de sectoren waarin we actief zijn, maar we willen wel deel uitmaken van de oplossing. Hier bij Agfa lanceerden we ons Strategisch Transformatieplan voor Duurzaamheid in 2020. 2022 was een jaar van consolidatie. We hebben nooit onze aandacht laten verslappen, een aantal duurzaamheidsinitiatieven en voortdurende successen geboekt, maar ook gebieden geïdentificeerd waar meer werk aan de winkel is. 2022 was ook een jaar waarin een heleboel nieuwe duurzaamheidswetgeving werd ingevoerd. Dit vormde een uitdaging, maar ook een kans van onschatbare waarde om onze duurzaamheidsaanpak op een nog dieper niveau te beoordelen, wat leidde tot meer specifieke initiatieven met concretere resultaten. Vooruitkijkend wordt 2023 een jaar waarin we nog sneller vooruitgang zullen boeken dan voorheen. Cruciaal voor ons succes op het gebied van duurzaamheid zijn volgens mij onze relaties met zowel interne als externe belanghebbenden. Niet alleen heeft ieder van ons een rol te spelen binnen het bedrijf, maar onze externe belanghebbenden zullen net zo belangrijk zijn, of dat nu partners, controleurs of leveranciers in onze waardeketen zijn.”
, Agfa Sustainability Manager
| 2022 tegenover 2021 | |
|---|---|
| CO2-uitstoot (Scope 1 & 2) afgenomen tot 128,9 (kton/jaar) | -10% |
| 91,2% niet gestort afval | |
| - | 28,1% van het totaal volume aluminium gebruikt voor de productie van drukplaten werd gerecycleerd |
| 35,4 ton per jaar |
Wij geloven dat een bloeiende samenleving gebaseerd is op een bloeiend natuurlijk ecosysteem. Duurzaamheid is een reis die tientallen jaren zal duren, maar klimaatverandering vereist onmiddellijke actie. Als productiebedrijf erkennen we dat onze activiteiten een aanzienlijke impact hebben op het milieu. Om bij te dragen tot de aanpak van deze wereldwijde uitdaging, steunt Agfa daarom de globale doelstelling van de Overeenkomst van Parijs. Bij Agfa engageren we ons om het evenwicht tussen onze milieu-impact en onze economische prestaties in onze eigen activiteiten voortdurend te verbeteren. Even belangrijk is dat we ons inzetten voor het op de markt brengen van duurzame producten en oplossingen die onze klanten in staat stellen om bij te dragen aan dezelfde doelstellingen. Nieuwe Agfa-producten worden dus zo ontworpen, ontwikkeld en geproduceerd dat productie, opslag, transport, gebruik, maar ook end-of-life afvalbeheer, een minimale impact hebben op het milieu op basis van ons 'no sustainability throwback'-principe. We zorgen er ook voor dat we markten bedienen die essentieel zijn voor de netto-nultransitie, zoals de markt voor schone energie, en streven ernaar digitale oplossingen te promoten die een efficiënter gebruik van hulpbronnen bieden en minder afval produceren dan analoge equivalenten. De strijd tegen klimaatverandering vereist inzet en samenwerking op vele fronten: proactieve naleving van EU-, lokaal en nationaal beleid, vrijwillige maatregelen op maat van onze organisatie en de maatschappelijke gedragsverandering die nodig is om dergelijke doelstellingen te ondersteunen. Klimaatactie is en blijft een van de belangrijkste aandachtspunten in onze toekomstplannen, zowel wat betreft het verminderen van onze operationele impact als het leveren van steeds betere oplossingen aan de markt.
Onze waarden worden weerspiegeld in de Gedragscode (Code of Conduct – CoC) van de Groep. Om de vertaling van de CoC naar duidelijke dagelijkse processen te ondersteunen, vertrouwen we op een reeks beleidslijnen en bedrijfsrichtlijnen, zowel op mondiaal als op lokaal niveau. Ons duurzaamheidsbeleid en ons veiligheids-, gezondheid- en milieubeleid zijn de belangrijkste referenties die de processen aansturen die in dit hoofdstuk worden behandeld. Vanwege de aard van deze onderwerpen worden het beheer en de focus ervan op lokaal niveau gedefinieerd en gecoördineerd, zowel op basis van specifieke lokale en nationale wettelijke vereisten als op basis van het type activiteiten dat in elke fabriek wordt uitgevoerd. Meer details worden in het hele hoofdstuk gegeven.
23
Terwijl duurzaamheid traditioneel op team- en divisieniveau werd aangepakt, richten wij ons sinds 2020 op de ontwikkeling van een algemene duurzaamheidsaanpak voor de hele onderneming om projecten, middelen en doelstellingen tussen de verschillende regio's en afdelingen te omkaderen en te coördineren. In 2022 hebben we onze inspanningen ten dienste van onze ambitie geconsolideerd en omgezet in concrete acties en gedurfde plannen voor de toekomst. We zijn ook blijven investeren in middelen om onze operationele voetafdruk (zowel wat betreft energieverbruik als CO2-uitstoot) te verkleinen, de circulariteit van materialen te vergroten en de afvalproductie te verminderen. Hoewel we nog lang niet aan het einde van de reis zijn, zijn op veel van deze gebieden al verbeteringen zichtbaar ten opzichte van 2015, het jaar waarin de Overeenkomst van Parijs werd ondertekend. Hieronder volgt een samenvatting van de belangrijkste verwezenlijkingen van 2022, waaruit de resultaten blijken van onze voortdurende inzet voor de hoogste operationele normen.
De gerapporteerde Key Performance Indicators moeten worden geïnterpreteerd in overeenstemming met ons wereldwijde volume in gewicht van gefabriceerde producten, dat ten opzichte van 2021 met 12,1% is gedaald. In vergelijking met 2021 daalden de productievolumes van onze filmfabrieken met 11,4% (totaal in gewicht), gedreven door een daling van 15,1% in de productie van chemicaliën (inclusief ontwikkelingsvloeistoffen) en een daling van ongeveer 7,7% in de (PET)-filmproductie zelf. De daling van de (PET)-filmproductie is een trend die zich de afgelopen jaren heeft voortgezet als gevolg van een algemene vermindering van de marktvraag. Onze wereldwijde productie van drukplaten daalde in 2022 met 12,8% ten opzichte van het voorgaande jaar. Het productievolume in gewicht voor apparatuur daalde in 2022 met 3%.In aantallen uitgedrukt omvat dit ongeveer 775 eenheden geproduceerd voor grafische toepassingen (in de vestigingen Cambridge, Manerbio en Mississauga) en ongeveer 19.970 eenheden voor medische toepassingen (in de vestigingen München, Peiting, Peissenberg en Wuxi).
| 2020 | 2021 | 2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2022 |
| 775.70 | 775.70 | 775.70 | 775.70 | 775.70 | 775.70 | 775.70 | 775.70 | 775.70 | 775.70 |
In september 2002 plaatste het Fonds voor Instandhouding van Roofvogels (F.I.R.) een slechtvalknestkast op de 70 meter hoge 'GEVAERT'-fabrieksschoorsteen van onze fabriek in Mortsel in België. Sindsdien is het baken voor iedereen die ons hoofdkantoor bezoekt nu ook een thuis voor een slechtvalkkoppel. In 2022, voor het 16e jaar op rij, kwam het koppel terug naar zijn nest en broedden papa en mama om de beurt hun vier eieren. Elk jaar in het voorjaar is de livestream van hun terugkeer te bekijken op onze website: www.agfa.be/slechtvalken. Dit project wordt uitgevoerd met de steun en medewerking van de lokale stad Mortsel, Natuurpunt Land van Reyen (een onafhankelijke vrijwilligersvereniging die zorgt voor de bescherming van kwetsbare en bedreigde natuur in Vlaanderen) en Vogelbescherming (een Belgische natuurbeschermingsorganisatie).
Het verminderen van het gebruik van grondstoffen, vooral van niet-hernieuwbare bronnen, is een essentiële stap in het bereiken van een kringloopeconomie. Bij Agfa doen we dit door afval en vervuiling uit te sluiten, d.w.z. door te zorgen voor een efficiënt gebruik van de primaire grondstoffen die als input in onze activiteiten worden gebruikt en door producten en materialen in gebruik te houden door de recyclage en het hergebruik van eventuele gelekte en/of secundaire materialen te maximaliseren. In dit deel van het verslag ligt de nadruk op de recyclage van grondstoffen.
Wegens de relevantie van ons proces voor de optimalisering van de materiaalefficiëntie hebben wij formeel een van onze managers in ons hoofdkantoor in België aangesteld om ons proces voor projectvoorstellen efficiënter te coördineren en zo beter bij te dragen tot de kringloopeconomie. Grondstofefficiëntie en recyclage worden echter op lokaal niveau gecoördineerd en zijn doorgaans materiaalstroomspecifiek. Elke productielijn brengt de massabalans tussen zijn inputs en outputs in kaart en identificeert kansen voor verbetering. Productiemanagers speuren voortdurend naar nieuwe ideeën en waar mogelijk worden de beste beschikbare technologieën toegepast om de hoogste normen voor het beheer van de materiaalstromen te garanderen, bijvoorbeeld door verliezen te beperken, de output per eenheid materiaalin- put te verhogen, enz. Hieronder volgt meer informatie over de stromen van enkele belangrijke materialen:
Aluminium is voor ons een essentieel materiaal, vanwege zijn intrinsieke waarde voor de producten van Offset Solutions, maar ook vanwege de milieueffecten van de productie ervan, bijvoorbeeld een zeer hoge energiebehoefte. In dat verband heeft de Europese Commissie in 2022 bauxiet (de precursor van aluminium) opgenomen in haar lijst van 30 materialen die essentieel zijn voor het functioneren en de integriteit van een reeks industrieën en die tegelijkertijd een hoog leveringsrisico hebben. Daarom willen wij de lat voor het duurzame gebruik van aluminium hoger leggen en de efficiëntie ervan verhogen door:
* Het implementeren van een circulair toeleveringsketenmodel voor onze drukplaten (van plaat tot plaat);
* Recyclage en het voorkomen van storten via secundaire toepassingen voor restmateriaal (van plaat tot secundair gebruik).
In het geval van kunststoffen is de noodzaak tot actie nog groter, omdat de bestaande infrastructuur in veel gevallen niet in staat is de op de markt gebrachte materialen adequaat in te zamelen en te verwerken. Daarom zetten we ons enerzijds in om bij te dragen tot de ontwikkeling van nieuwe technologieën en partnerschappen voor het omzetten van afval in waarde, en streven we er anderzijds naar om deel te nemen aan het creëren van een markt voor secundaire grondstoffen door gerecycleerde materialen in onze eigen productportfolio op te nemen. Agfa is een toonaangevende onderneming in de productie van polyester voor fotografische filmtoepassingen. Polyesterafval van het filmproductieproces, of gebruikt polyester dat terugkomt van onze klanten, wordt gerecycleerd in de vorm van snippers en hergebruikt in ons productieproces. Onze film bestaat voor 60% uit nieuw PET-materiaal en voor 40% uit gerecycleerde PET.
Hier volgen enkele voorbeelden van meerjarige projecten waaraan wij deelnemen om bij te dragen aan het omzetten van kunstof in waarde:
* Plastics to Precious Chemicals (P2PC) – een programma om kostbare chemicaliën te verkrijgen die kunnen concurreren met chemicaliën op basis van zuivere olie of agrochemicaliën. Dit door de Vlaamse overheid gefinancierde project (VLAIO) omvat de samenwerking van een consortium van twee KMO's, drie industriële partners en twee academische partners om het gebruik van fracties van pyrolyse-olie afkomstig van kunststofafval als grondstof voor de chemische industrie te evalueren.
* PET2VALUE voor de upcycling van PET voor gebruik in hoogwaardige toepassingen via ketensamenwerking tussen Agfa-Gevaert NV, Centexbel, Luxilon, Tenco en BCF, UGent en de VUB. De partners zullen PET-afval van Agfa's interne filmverwerking gebruiken en upcyclen tot materiaal dat kan worden gebruikt voor de productie van tennisracketsna- ren en 3D-geprinte fietsonderdelen (zoals sturen) met vergelijkbare mechanische eigenschappen als de eigenlijke materialen gemaakt van polymeren uit nieuw gewonnen olie.
Operatie Clean Sweep® (OCS) is een internationaal programma voor product- stewardship dat erop gericht is elke verwerker van kunststofhars te helpen bij het invoeren van goede praktijken en bij de insluiting van pellets om zo te ko- men tot nul verlies van pellets in het milieu. Kunststof pellets worden in grote hoeveelheden geproduceerd, opgeslagen en vervoerd, dus zowel de verwerkende industrie als de transportsector moeten een belangrijke rol spelen bij de ondersteuning van dit initiatief. Bedrijven die de belofte van dit programma ondertekenen, verbinden zich ertoe maatregelen te nemen zoals preventieve en corrigerende maatregelen tegen lekkages, opleiding van werknemers en verantwoordelijkheid voor preventie, insluiting, opruiming en verwijdering van lekkages, prestatiecontrole, naleving van alle toepasselijke voorschriften inzake insluiting van pellets, enz. Sinds 2018 steunt Agfa het initiatief. Het draagt vooral bij door de verspreiding van PET-stof onder controle te houden. We hebben specifieke acties opgezet in onze afwerkingsprocessen om het verlies van plastic chips, korrels en stof te voorkomen. Zo werd de verlichting in de afvalverzamelruimte geoptimaliseerd, worden chips van snijlijnen nu vervoerd in gesloten in plaats van open containers en voorkomen we verpakkingsbreuk in transportleidingen en -kokers. Daarnaast hebben wij samen met het bedrijf SGS een inventarisatie gemaakt van potentiële emissiepunten om te bepalen waar strenge metingen nodig zijn. In het licht van het bovenstaande hebben wij preventie- en bewustmakingspro- gramma's voor de werknemers opgezet door relevante informatie op te nemen in onze regelmatige informatierondleidingen en door observatierondes over dit onderwerp te plannen, alsook door artikels op te nemen in ons interne magazine en door posters en spandoeken in de fabriek op te hangen. De werknemers worden ook geïnstrueerd om elke bevinding aan een speciaal team te melden.
Het gebruik van hernieuwbare grondstoffen in plaats van fossiele grondstoffen is iets dat op de radar van onze onderzoeks- en ontwikkelingsinspanningen staat. De waarschijnlijkheid van het gebruik van dergelijke materialen hangt af van de mogelijkheid om dezelfde technische prestaties te handhaven en de economische levensvatbaarheid van de eindproducten te waarborgen. De beperking ligt ook in het feit dat de hele levenscyclus van het product in aanmerking moet worden genomen om te voorkomen dat de initiële vervanging van materiaal door hernieuwbare materialen in een later stadium van de levenscyclus een negatief resultaat oplevert. Een voorbeeld van onze acties in verband met hernieuwbare grondstoffen is het Tune2- Bio-project, een door de overheid gefinancierd project (VLAIO) dat tot doel heeft de kennis en expertise te ontwikkelen die nodig zijn om de biologische afbreekbaarheid van (bio)polyesters af te stemmen op duurzamere kunststoftoepassingen. Met de steun van Centexbel en de KU Leuven werkt Agfa, samen met Oleon, Sioen en Bio4plastics, aan op film gebaseerde producten en processen om proof of concept te bereiken voor nieuwe en duurzamere producten.
We produceren op zilver gebaseerde lichtgevoelige films voor beeldvormende producten die voor vele toepassingen dienen. Zilverhalogenidetechnologie is essentieel in de röntgen- technologie en andere medische toepassingen en wordt ook gebruikt om materialen op een niet-destructieve manier te testen op hun veiligheid, bv. pijpleidingen, auto's, vliegtuigen, enz. De gemaakte röntgenbeelden worden vastgelegd op lichtgevoelige films voor diagnose, raadpleging en archivering. Dankzij zijn lage contactweerstand en hoge elektrische en thermische geleidbaarheid wordt zilver ook gebruikt in complexe gedrukte schakelingen die alle elektronische apparaten aansturen. Zilver is dus een essentieel materiaal voor onze activiteiten en wij spannen ons in om het zoveel mogelijk te recupereren en te recycleren.Maatregelen om productieverliezen te beperken variëren tussen technologische verbeteringen en de opleiding van operators, waar nodig. Onze indicatoren
Onze prestaties en activiteiten in 2022
Percentage teruggewonnen aluminium (versus totaal volume gebruikt aluminium)
In 2022 werd 28,1% van de totale hoeveelheid aluminium die we gebruikten voor de productie van drukplaten gerecycleerd, hetzij door een circulair ketenmodel voor onze drukplaten te implementeren (van plaat tot plaat), hetzij door te recycleren en storten te voorkomen via secundaire toepassingen voor afval (van plaat tot secundair gebruik). Dit is het hoogste volume gerecycleerd aluminium sinds de start van onze monitoring.
28 FOCUS Op Onze planeet
Percentage teruggewonnen aluminium (versus totaal volume gebruikt aluminium)
| Jaar | Percentage teruggewonnen aluminium (versus totaal volume gebruikt aluminium) | Voorkomen van storten door secundaire toepassingen van spaanders (van plaat naar secundair gebruik) | Herwonnen aluminium door verzameling van gebruikte platen (van plaat naar plaat) |
|---|---|---|---|
| 2017 | 22,6% | 5,8% | 16,8% |
| 2018 | 23,6% | 5,9% | 17,7% |
| 2019 | 24,1% | 6,3% | 17,8% |
| 2020 | 24,8% | 6,4% | 18,4% |
| 2021 | 24,1% | 6,3% | 17,8% |
| 2022 | 28,1% |
Wij zien dat de markt duidelijk evolueert naar de recyclage van aluminium als secundaire grondstof. Dit kan worden verklaard door de complexiteit van het plaat-tot-plaatmodel, dat alleen een uitvoerbare oplossing is als de partners in de waardeketen geografisch dichtbij zijn en als er een algemene toename is van recyclage door de klanten zelf. In het geval van ons systeem wordt het geleidelijk ingevoerd bij die klantensites die voldoende volumes drukplaten verwerken en die ook organisatorisch in staat zijn om dit systeem in te voeren, aangezien het een uitgebreide samenwerking en betrokkenheid in de hele waardeketen vereist.
29 Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
Wij zijn van mening dat de kringloopeconomie, ook al is deze het resultaat van de koppeling van talrijke complexe processen, fundamenteel kan worden gebaseerd op drie hoofdprincipes, zoals uiteengezet door de Ellen MacArthur Foundation:
Volgens het meest recente Circularity Gap Report is de wereldeconomie momenteel slechts 7,2% circulair. Gezien het feit dat dit percentage elk jaar kleiner wordt door toenemende materiaalwinning en -gebruik, moeten acties om bedrijven circulair te maken dringend worden versneld. Bij Agfa is ons einddoel de voortdurende toename van de circulariteit van materialen waar mogelijk. Dit vormt echter een uitdaging door de verschillende soorten materialen die in onze productieprocessen over de hele wereld worden gebruikt, evenals bepaalde materialen die achterblijven in de producten die we op de markt brengen. Het kan daarom moeilijk zijn om binnen de bestaande infrastructuur te recycleren en het productieafval verder te minimaliseren zonder een bredere wijziging van het bedrijfsmodel.
Om dit probleem aan te pakken, zijn we blij dat Agfa in 2021 door de Vlaamse regering geselecteerd werd voor een subsidie van 1 miljoen euro in het kader van het strategisch initiatief ter ondersteuning van de ecologie (strategic ecology support – STRES). Deze subsidie zal deels onze investering dekken in nieuwe twin-screw extrudertechnologie in onze vestiging in Mortsel, waardoor we de hoeveelheid hergebruikt PET kunnen verhogen tot 1.250 ton per jaar, met behoud van een eindproduct van hoge kwaliteit.
Afval elimineren is een van de principes die we bij Agfa vooral gebruiken voor een succesvolle circulaire bedrijfsstrategie. Dit begint met het grondig in kaart brengen van afvalbronnen, zorgvuldig procesontwerp, gevolgd door iteratieve verfijning van het productieproces. Wanneer zich afvalstromen voordoen, onderzoeken we eerst of we het ontstaan van afval kunnen voorkomen – zo niet, dan gaan we na of er mogelijkheden zijn voor intern hergebruik, waardoor transport wordt vermeden, of voor verkoop aan derden. Als laatste opties worden verbranding voor energieterugwinning en vervolgens storting overwogen. In dit proces scheiden wij gewoonlijk materiaalrecyclage en energieterugwinning.
In dit deel van het verslag staat het afvalbeheer centraal. Bij gebrek aan nationale definities wordt het volgende toepassingsgebied in aanmerking genomen:
Daarnaast is het leveren van innovatieve producten en oplossingen waarmee onze klanten hun eigen afval kunnen verminderen ook een van onze aandachtspunten, hoewel dit buiten het bestek van dit hoofdstuk valt.
30 FOCUS Op Onze planeet
Het afvalbeheer wordt op lokaal niveau gecoördineerd en elke vestiging is verantwoordelijk voor het in kaart brengen van haar afvalproductie op alle gebieden van de bedrijfsvoering, als ook voor het vaststellen van mogelijkheden tot vermindering ervan. Het lokale management is verantwoordelijk voor het bepalen van het afvalbeleid voor hun specifieke vestiging. De focus van de verschillende beleidslijnen wordt op lokaal niveau bepaald, zowel op basis van specifieke lokale en nationale wettelijke voorschriften als op basis van het type activiteiten dat in elke vestiging wordt uitgevoerd. Zo volgen al onze Belgische vestigingen, die samen verantwoordelijk zijn voor ongeveer 40% van ons totale afval, de afvalproductie het hele jaar door grondig op onder de verantwoordelijkheid van de Plant Waste Manager. Deze laatste stelt jaarlijks een gedetailleerd verslag op waarin de afvalbronnen per materiaal en per productielijn worden geïdentificeerd. Dit verslag wordt ter beschikking gesteld van alle productiemanagers en wordt gebruikt als basis voor het definiëren van de 20 afvalstromen waarvan het terugdringen het volgende jaar de prioriteit krijgt.
De processen zijn zo ingericht dat zij minimaal voldoen aan de ISO 14001-richtlijnen. Externe audits worden uitgevoerd overeenkomstig de ISO 14001-eisen voor gecertificeerde vestigingen. Afvalbeheersaudits kunnen ook worden uitgevoerd in het kader van de beoordeling van het milieubeheersysteem als geheel, volgens lokale referentienormen.
In samenwerking met verschillende afvalverwerkers worden mogelijke optimalisaties van de afvalverwerking onderzocht. Het door ons aangeleverde afval wordt voortdurend bemonsterd en gecontroleerd door afvalverwerkers om na te gaan of er haalbare manieren zijn om materialen of energie terug te winnen. Naast inspanningen om de afvalproductie op operationeel niveau te verminderen, verwachten wij van al onze werknemers en belanghebbenden dat zij milieubewust handelen. Wij zien dit als een continu proces van bewustmaking en aanpassing en verbetering van de afvalscheiding. Daartoe zet elke vestiging verschillende activiteiten op om het bewustzijn rond afvalvermindering en energiebesparing te vergroten, niet alleen op het werk, maar ook in het dagelijkse leven buiten de onderneming.
In 2022 daalde ons totale volume geproduceerd afval met 10,3%. Het specifiek afvalvolume bleef met een lichte stijging van 2% nagenoeg op hetzelfde niveau als vorig jaar.
31 Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
Sinds 2020 hebben wij een toename van het specifiek afvalvolume geregistreerd. Bij het analyseren van de afvalbronnen om mogelijke corrigerende maatregelen te bepalen, hebben wij vastgesteld dat afval vooral ontstaat tijdens de opstart- en stopfase van de productie. Helaas zijn deze cycli in de context van fluctuerende marktvraag moeilijk te vermijden. Er konden er geen mogelijke corrigerende acties worden uitgevoerd om de negatieve impact op het specifiek afval tegen te gaan. De vermindering van de hoeveelheid (specifiek) afval zal de komende jaren een aandachtspunt blijven. Tegelijkertijd zijn wij erin geslaagd het percentage gevaarlijk afval verder te verminderen met 13%, zodat de verhouding 4:1 blijft. In dit verband zullen wij blijven optimaliseren en samenwerken met afvalverwerkers, zodat de verhouding tussen niet-gevaarlijk en gevaarlijk afval blijft verbeteren.
Wat de bestemming van geproduceerd afval betreft, zijn we er ook in geslaagd om in 2022 een zeer hoog percentage (91,2%) afval te handhaven dat nuttig kan worden hergebruikt in plaats van te worden gestort. Het deel van het afval dat uiteindelijk ‘afval’ blijft en wordt gestort, is nog steeds een zeer kleine fractie (0,9%) van het totale afvalvolume, maar het nam in 2022 wel toe als gevolg van een meerjarenplan om in de Belgische vestigingen asbesthoudende materialen op daken te verwijderen. Deze resultaten weerspiegelen onze voortdurende inzet om afval uit onze processen te bannen. Ons engagement vertaalt zich in een constant hoog niveau van bewustzijn en een voortdurende toepassing van kleine verbeteringen binnen de productie om de efficiëntie van de processen te op te krikken.# Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
Water is een schaars goed. Toegang tot vers water is essentieel voor het menselijk leven en het is een fundamenteel mensenrecht, zoals erkend door de Verenigde Naties. Daarom zetten wij ons volledig in om onze watergerelateerde impact te minimaliseren en prioriteit te geven aan acties in gebieden die deel uitmaken van regio's met watertekort. Als productiebedrijf gebruiken wij water als proces- en productwater voor zowel sanitaire doeleinden als koeling. Wij streven ernaar eerst de hoeveelheid gebruikt water zo veel mogelijk te beperken en vervolgens het geloosde water en de vervuilingsgraad ervan zoveel mogelijk te verminderen.
Het waterbeheer wordt op lokaal niveau gecoördineerd en elke vestiging is verantwoordelijk voor het in kaart brengen van het waterverbruik op alle gebieden van de bedrijfsvoering, alsmede voor het vaststellen van mogelijkheden voor optimalisering van het waterverbruik, voor voorkoming van lekkage en verdampingsverlies en voor vermindering van de belasting met verontreinigende stoffen. Het lokale management is verantwoordelijk voor de vaststelling van een specifiek waterbeleid voor zijn vestiging. De focus van de verschillende beleidslijnen wordt op lokaal niveau bepaald, zowel op basis van de specifieke lokale en nationale wettelijke voorschriften als op basis van het type activiteiten dat in elke vestiging wordt uitgevoerd. Het profiel van de ontvangende wateren wordt altijd in aanmerking genomen tijdens de onderhandelingen met de vergunningverlenende autoriteiten.
Al onze Belgische vestigingen – samen verantwoordelijk voor een groot deel van het totale waterverbruik van de Groep – plannen meerdere metingen per maand, uitgevoerd door een erkend laboratorium. Het maandelijkse verbruik wordt gecontroleerd door de verantwoordelijke afdeling om evoluties of anomalieën op te sporen. Naast de interne controle worden externe audits uitgevoerd overeenkomstig de ISO 14001-eisen voor de vestigingen die gecertificeerd zijn.
Het waterverbruik wordt voornamelijk bepaald door proces- en koelwater, de twee belangrijkste gebruikscategorieën in onze processen. Afvalwater wordt altijd ter plaatse voorbehandeld voordat het naar de gemeentelijke waterzuiveringsinstallatie (WZI) wordt geloosd, om de vervuilingsgraad te verminderen. Direct hergebruik van afvalwater in onze activiteiten vóór lozing naar de WZI wordt gestimuleerd, voor zover dit technisch mogelijk is. Naast inspanningen om het watergebruik op operationeel niveau te optimaliseren, verwachten wij van al onze werknemers en belanghebbenden dat zij milieubewust handelen.
Het totale waterverbruik is in 2022 met 14% gestegen, vooral door het hogere waterverbruik in onze vestiging in Mortsel (België). Dit uitzonderlijk hoge waterverbruik kan worden verklaard door een combinatie van redenen, namelijk:
* De extra behoefte aan gedistilleerd water waarvoor onze Water-As-A-Service (WAAS) installatie 5% meer verlies aan input genereerde dan voorheen (concentraatstroom vs. ionisatie);
* De extra verdamping als gevolg van de uitzonderlijk warme weersomstandigheden in 2022 en een lagere indikking als gevolg van een kopercorrosieprobleem;
* De stopzetting van het gebruik van biologische waterzuiveringssystemen in 2022 (50.000 m³ hergebruikt water moest worden vervangen door stadswater).
Ook het specifiek waterverbruik steeg met 29,7% ten opzichte van 2021 en bedraagt nu 33,3 m³ per ton geproduceerd product. De trend in de vermindering van de absolute hoeveelheden water die worden gebruikt in processen zonder koeling, is in 2022 met 0,4% blijven dalen ten opzichte van 2021, hoewel de bijbehorende specifieke waarde met 13,3% is gestegen tot 11,2 m³ per ton geproduceerd product. Koelwater blijft een belangrijke bron van waterverbruik en we blijven zoeken naar oplossingen om dit te verminderen. Hoewel de algemene prestaties ruimte laten voor verdere verbetering, vooral wat betreft de optimalisering van de hoeveelheden water die voor koeling worden gebruikt, hebben onze voortdurende inspanningen om de productieprocessen te optimaliseren ons in staat gesteld het specifiek proceswaterverbruik op hetzelfde niveau te houden, namelijk 3,7 m³ per ton geproduceerd product.
Als voorbeeld van onze inspanningen om het waterbeheer te verbeteren, werd in 2022 een nieuwe productielijn voor ultrazuiver water opgezet waardoor we 300 ton chemisch afval (natriumhydroxide en zoutzuur) kunnen besparen en het hergebruik van waterconcentraat kunnen optimaliseren.
| 2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | 2021 | 2022 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Totaal verbruik (1.000 m³/jaar) | 6.342 | 5.696 | 7.529 | 7.847 | 6.927 | 6.818 | 6.279 | 6.476 | 7.379 | 7.470 |
| Specifiek verbruik (m³/ton product) | 14.571 | 12.885 | 17.279 | 18.117 | 14.597 | 14.871 | 12.917 | 14.677 | 13.270 | 11.207 |
| Excl. koelwater (1.000 m³/jaar) | 15.551 | 13.270 | 15.575 | 15.569 | 14.170 | 14.173 | 13.267 | 14.677 | 13.270 | 11.207 |
| Specifiek excl. koelwater (m³/ton product) | 37.458 | 30.289 | 35.730 | 35.904 | 29.879 | 30.753 | 27.212 | 33.357 | 29.687 | 25.835 |
Agfa Westerlo (Heultje) in België werkte ook verder samen met Hertecant Flanges en Magazijnen Hendrickx, twee bedrijven uit de buurt, om de bouw van een groot bassin voor de opvang van regenwater voor te bereiden. Agfa en Hertecant Flanges zullen het opgevangen water vanaf 2024 kunnen gebruiken voor hun productiebehoeften.
Het totale volume afvalwater is in 2022 licht gedaald met 1,4%, terwijl het specifiek afvalwatervolume met 12,1% is toegenomen en resulteerde in 9,87 m³ per ton geproduceerd product. Tot 2021 maakten wij op onze hoofdzetel in Mortsel (België) gebruik van een biologische waterzuivering voor afvalwater. Dit was zo opgezet dat wij het effluent ervan konden hergebruiken als was- of koelwater. Traditioneel hergebruikten wij een aanzienlijke hoeveelheid water, hoewel dit in 2020 en 2021 afnam als gevolg van de algemene afname van de hoeveelheid water die naar de zuivering ging wegens de verminderde productievolumes. Wij hebben in 2022 geen gebruik gemaakt van deze installatie, aangezien een deel van de uitrusting ervan (bv. pompen) werd herbestemd om het programma voor het verwijderen en vermijden van per- en polyfluoralkylstoffen (PFAS) te versnellen. Ons biologisch waterzuiveringssysteem weer in werking zetten, zou een grote investering vergen, dus gaan we momenteel na of het relevant is om dat te doen, of dat het ecologisch gezien niet voordeliger zou zijn om in plaats daarvan de onderliggende oorzaak aan te pakken door te investeren in manieren om het gebruik van water in onze productie- en O&O-processen te voorkomen.
| 2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | 2021 | 2022 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Totale hoeveelheid afvalwater (m³/jaar) | 96.475 | 80.974 | 95.151 | 87.542 | 86.753 | 83.584 | 82.147 | 74.995 | 74.105 | 73.058 |
| Specifieke volumes (m/ton product) | 221.050 | 184.448 | 217.794 | 201.857 | 181.894 | 181.441 | 168.800 | 170.134 | 163.900 | 183.700 |
| Gerecycleerd effluentwater (hoofdzetel Mortsel) % | 21.7% | 15.7% | 15.7% | 17.1% | 17.5% | 18.7% | 17.9% | 13.6% | 13.5% | 9.8% |
Tegelijkertijd blijven wij andere waterzuiveringssystemen gebruiken, die positieve resultaten blijven opleveren, met trends die al verscheidene jaren op rij in de goede richting gaan. De vuilvracht van het afvalwater is in 2022 met 5,8% gedaald. De specifieke vuilvracht exclusief aluminium steeg echter met 10,5% in 2022, wat nog steeds overeenkomt met een lage waarde van 1,5 kg per ton geproduceerd product. Het bevestigt de optimalisering van de waterbehandeling. De residuele CZV-waarde is in 2022 verder gedaald met 3,1% tot 150,3 ton per jaar, wat opnieuw de laagste waarde ooit is. De andere waarden blijven laag. Wij zijn er trots op dat de prestatietrends en de behaalde specifieke resultaten onze inspanningen en onze inzet op het gebied van efficiënt waterbeheer weerspiegelen. Dit is voor ons een punt van voortdurende aandacht en elk jaar worden verschillende optimaliseringsmaatregelen genomen.# Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
Wij zijn ervan overtuigd dat de kringloopeconomie in de toekomst een steeds grotere rol zal spelen als een van de belangrijkste procesontwerpinstrumenten om tot een duurzame manier van zakendoen te komen. Daarom zullen wij ons de komende jaren blijven inzetten om onze prestaties op drie belangrijke gebieden te verbeteren:
Naast nieuwe technische implementaties zijn wij ook van plan de opleidings- en bewustmakingsactiviteiten rond belangrijke thema's te versterken. Sinds 2021 beoordelen wij de mogelijkheid om wereldwijde doelstellingen vast te stellen voor de specifieke KPI's die tot dusver zijn gedefinieerd. Hoewel wij het voorbarig vonden om deze doelstellingen vast te stellen, hebben wij, mede dankzij een meer gerichte uitwisseling met onze belanghebbenden, bepaalde prioritaire actieterreinen vastgelegd, zoals PET, verpakkingen en de mogelijkheid om meer gebruik te maken van biogebaseerde materialen. Ook al valt het buiten het bestek van dit hoofdstuk, wij richten ons ook op het leveren van innovatieve producten en oplossingen die onze klanten in staat stellen hun eigen circulariteit te vergroten (zie voor meer details het hoofdstuk Duurzame Bedrijfsoplossingen). Dit zal zeker een grote prioriteit op onze agenda blijven.
Wij staan volledig achter de wereldwijde inzet voor de Overeenkomst van Parijs, wat betekent dat wij volledig achter duurzaam energieverbruik staan en dat we vinden dat elke organisatie moet bijdragen aan een efficiënter energiegebruik. De rapportage in dit jaarverslag omvat primaire energie, d.w.z. aardgas, stookolie enz., en secundaire energie, d.w.z. aangekochte elektriciteit en stoom. Het energieverbruik van het wagenpark in lokale vestigingen is niet opgenomen in onderstaande indicatoren. Ook al valt het buiten het bestek van dit hoofdstuk, energie-efficiëntie is ook een belangrijk beslissingscriterium bij de evaluatie en aankoop van producten en diensten. Bovendien richten wij ons ook op het leveren van innovatieve producten en oplossingen die onze klanten in staat stellen hun eigen energieverbruik te verminderen.
Het energiebeheer wordt op lokaal niveau gecoördineerd en elke vestiging is verantwoordelijk voor het in kaart brengen van het energieverbruik op alle gebieden van de bedrijfsvoering en voor het vaststellen van mogelijkheden om dat energieverbruik te verminderen. Het lokale management is verantwoordelijk voor de vaststelling van het specifieke energiebeleid voor zijn vestiging. De focus van de verschillende beleidslijnen wordt op lokaal niveau bepaald, zowel op basis van specifieke lokale en nationale wettelijke voorschriften als op basis van het type activiteiten dat in elke vestiging wordt uitgevoerd. Om de hoogste efficiëntie in het energieverbruik te garanderen, zijn onze vestigingen in Suzano, Wiesbaden en Wuxi gecertificeerd volgens ISO 50001, een norm die ons een kader biedt om het energiebeheer voortdurend te verbeteren.
Meer details worden verstrekt over de managementaanpak voor België, waar de vestigingen ongeveer 37% van ons totale productievolume produceren en als zodanig de cijfers van ons totale energieverbruik mee bepalen. Onze Belgische vestigingen voldoen aan de Nationale Energiebeleidsovereenkomst (EBO). De Belgische overheid voert om de vier jaar een energie-audit uit op de fabrieken om het potentieel voor projecten ter verhoging van de energie-efficiëntie te beoordelen. De EBO stelt toepassingscriteria vast die drempelwaarden bepalen voor het primaire energieverbruik en jaarlijks wordt een EBO-verslag opgesteld. Bovendien is een Energy Management Team belast met het toezicht op en de planning van projecten die de algemene energie-efficiëntie kunnen verbeteren. Het gaat ondermeer om het verminderen van lekkages in gebouwen, het verbeteren van machines, de aankoop van elektriciteit, ... Dit team rapporteert rechtstreeks aan de Production Plant Manager die toezicht houdt op de algemene productieprestaties voor België. Naast het technische onderhoud van de machines worden de werknemers regelmatig opgeleid om de efficiëntie van de werkzaamheden te garanderen. Alle werkzaamheden aan machines worden uitgevoerd door erkende technici en elk lek wordt aan de overheid gemeld via een logboeksysteem.
Naast inspanningen om het energieverbruik op operationeel niveau te verminderen, verwachten wij van onze medewerkers dat zij energiebewust handelen en nemen wij maatregelen om onze totale impact te minimaliseren, bijvoorbeeld door de verwarming in leegstaande gebouwen tijdens vakanties uit te schakelen, hybride te werken en de kantoorbezetting te optimaliseren. In 2022 werd ook onze campagne Make the Switch! gelanceerd, waarbij visuals en online training worden gebruikt om een aantal tips te geven om energie te besparen op de werkplek (en thuis) en kleine gedragsveranderingen te stimuleren die aanzienlijke energiebesparingen kunnen opleveren. In 2022 werd ook onze campagne Make the Switch! gelanceerd, waarbij visuals en online training worden gebruikt om tips te geven om energie te besparen op de werkplek (en thuis) en kleine gedragsveranderingen aan te moedigen die aanzienlijke energiebesparingen kunnen opleveren.
Het totale energieverbruik (primair en secundair samen) bleef in 2022 dalen met 5,3% ten opzichte van 2021. Deze daling is het resultaat van permanente analyse, controle en optimalisering van de energie-efficiëntie en is vooral te danken aan een vermindering van het gebruik van aardgas en elektriciteit. Het specifiek energieverbruik daarentegen steeg met 7,7% tot 18,4 GJ per ton geproduceerd product. Deze waarde blijft hoger dan in de afgelopen jaren als gevolg van veranderingen in de productiefrequentie, aangezien de opstart- en stopfasen van productiecampagnes verhoudingsgewijs verantwoordelijk zijn voor een groter deel van het energieverbruik.
| Energieverbruik (TJ/jaar) | Specifiek verbruik (GJ/ton product) | Primaire energie (TJ/jaar) | Secundaire energie (TJ/jaar) |
|---|---|---|---|
| 2013 | 27.197 | 18.076 | 9.121 |
| 2014 | 27.187 | 17.974 | 9.213 |
| 2015 | 27.179 | 17.886 | 9.293 |
| 2019 | 26.398 | 17.395 | 8.903 |
| 2020 | 24.482 | 16.872 | 7.610 |
| 2022 | 23.473 | 15.603 | 7.870 |
| 2021 | 24.495 | 16.396 | 8.100 |
| 2016 | 25.690 | 16.791 | 8.899 |
| 2018 | 25.483 | 16.639 | 8.844 |
| 2017 | 25.455 | 16.504 | 8.951 |
Het verbruiksniveau van zowel primaire en secundaire energie daalde in 2022, respectievelijk met 4,7% en 6,8%. Dit weerspiegelt de positieve invloed van de genomen verbeteringsmaatregelen. In 2022 zijn we blijven investeren in de vermindering van ons energieverbruik en de verbetering van de efficiëntie ervan. Zo zorgt in onze site in Mortsel, België groene stroom opgewekt door zonnepanelen voor een aanvulling op de warmtekrachtkoppelingeenheden (WKK). In Wiesbaden wordt de stoom nu onttrokken aan de centrale voorziening van de bedrijventerreinen, waardoor deze installatie efficiënter kan werken. Verdere suboptimalisaties van bestaande installaties blijven een punt van inspanning om de efficiëntie van onze installaties voortdurend te verbeteren en af te stemmen op specifieke behoeften en vereisten. In 2022 hebben wij bijvoorbeeld het gebruik van restwarmte van warmtekrachtkoppeling (WKK) in het verwarmingsproces van onze polyesterlijn voor droogdoeleinden mogelijk gemaakt, zodat vanaf 2023 effectief 1.600 ton CO2 kan worden bespaard. In 2022 werd ook een project voor het omleiden van de VOS-uitlaat van een actief kooleninstallatie naar een thermische oxidator uitgevoerd, zodat vanaf 2023 730 ton minder CO2 wordt uitgestoten.
Naast het optimaliseren van onze interne processen, kan de maximalisering van het energieverbruik ook verkregen worden door samenwerking met anderen. 'Warmte Verzilverd' is een project in Vlaanderen met directe burgerparticipatie, gericht op het gebruik van industriële restwarmte om woningen te verwarmen. De restwarmte van onze vestiging in Mortsel voorziet in de centrale verwarming en sanitaire behoeften van meer dan 300 huishoudens. Het project wordt gefinancierd met directe burgerparticipatie, met financiële steun van de Vlaamse overheid.
Warmtebron Agfa-Gevaert
Warmte-overdrachtstation
Woning A
Woning B
Appartements-gebouw A
Verwarmd water
Restwarmte
Gekoeld water
```# Uitstoot van broeikasgassen (BKG)
## Relevantie en grenzen
Bij Agfa staan we volledig achter de oproep tot dringende klimaatmaatregelen en de doelstellingen van het Akkoord van Parijs. Om bij te dragen aan deze wereldwijde oproep tot actie, zetten we ons sterk in om de milieuprestaties van onze eigen activiteiten voortdurend te verbeteren en, even belangrijk, om duurzame producten en systemen op de markt te brengen die onze klanten helpen om bij te dragen tot dezelfde doelstellingen.
Onder broeikasgassen verstaan wij de in het Protocol van Kyoto van de Verenigde Naties genoemde gassen. De gerapporteerde gegevens hebben betrekking op vestigingen onder de operationele controle van Agfa, d.w.z. Agfa's productievestigingen en administratieve faciliteiten wereldwijd. Verkooporganisaties zijn niet opgenomen in de gegevens.
De gegevens in dit jaarverslag hebben betrekking op:
* Directe uitstoot (Scope 1) van:
* Opwekking van elektriciteit, verwarming, koeling en stoom
* Fysische of chemische verwerking
* Vluchtige emissies
* Indirecte uitstoot (Scope 2) van:
* Opwekking van aangekochte elektriciteit, verwarming, koeling en stoom
Directe (Scope 1) emissies afkomstig van het vervoer van materialen, producten, afval, werknemers en passagiers zijn niet inbegrepen. Andere indirecte emissies (Scope 3) zijn vooralsnog niet inbegrepen.
De gerapporteerde gegevens hebben betrekking op CO₂-equivalenten die worden gegenereerd door de hierboven vermelde activiteiten. Andere broeikasgasemissies, zoals CH₄, PFK's, NF₃, maken geen deel uit van de berekeningen.
Hoewel het buiten het bestek van dit hoofdstuk valt, zijn broeikasgasemissies ook een belangrijk beslissingscriterium bij de evaluatie en aankoop van producten en diensten. Bovendien richten wij ons ook op het leveren van innovatieve producten en oplossingen die onze klanten in staat stellen hun eigen BKG-uitstoot te verminderen.
## Onze managementaanpak
Het beheer van de broeikasgasemissies wordt op lokaal niveau gecoördineerd en elke vestiging is verantwoordelijk voor het in kaart brengen van haar emissies op alle gebieden van de bedrijfsvoering en voor het vaststellen van mogelijkheden om deze te verminderen. Het algemene streven is zeker dat de hoogste normen voor emissiebeheer worden gehanteerd, maar het lokale management is verantwoordelijk voor het bepalen van het specifieke beleid voor de vestiging. De focus van de verschillende beleidslijnen wordt op lokaal niveau bepaald, zowel op basis van specifieke lokale en nationale wettelijke voorschriften als op basis van het type activiteiten dat in elke vestiging wordt uitgevoerd.
De directe broeikasgasemissies (Scope 1) worden berekend als ton CO₂-equivalenten door de brandstoftoeveelheden te vermenigvuldigen met de overeenkomstige emissiefactoren. Voor aardgas, vloeibare brandstoffen en kolen worden de omrekenfactoren gebruikt die door CEFIC zijn aanbevolen.
Wat de berekeningen voor indirecte energie-emissies (Scope 2) betreft, hangt de gebruikte omrekenfactor af van de vestiging.
### Meer details worden verstrekt over de managementaanpak voor België
België, waar de vestigingen ongeveer 37% van onze totale productievolumes produceren en als zodanig mee de cijfers voor onze totale broeikasgasemissies bepalen. Naast de bepalingen uit de Nationale Energiebeleidsovereenkomst (EBO) voldoen onze Belgische vestigingen aan de plafonds die door de Europese regeling voor de handel in emissierechten (ETS) zijn vastgesteld. Op basis daarvan rapporteren wij jaarlijks tegen eind maart onze gegevens over broeikasgasemissies aan de overheid.
Sinds 2020 valt de Belgische site in Heultje, als gevolg van optimalisatieprojecten en de aanleg van een afvalwarmtenet met lage temperatuur, niet langer onder het ETS.
Het Energy Management Team is belast met de berekening van de jaarlijkse broeikasgasemissies. Wat de berekeningen voor indirecte energie-emissies (Scope 2) betreft, worden CO₂-omrekenfactoren berekend volgens de aanbevelingen van de Belgische EBO en op basis van het gasmengsel dat wij per uur van onze elektriciteitsleverancier ontvangen.
Naast de inspanningen om de uitstoot van broeikasgassen op operationeel niveau te verminderen, nemen wij maatregelen om onze algemene impact te verminderen. We verwachten daarom ook van onze werknemers dat zij milieubewust handelen. Naast het technisch onderhoud van de machines worden de werknemers regelmatig opgeleid om de efficiëntie van de activiteiten te garanderen.
## Onze indicatoren
1. Totale CO₂-uitstoot naar de lucht (kton/jaar)
2. Directe CO₂-uitstoot (Scope 1) naar de lucht (kton/jaar)
3. Indirecte CO₂-uitstoot (Scope 2) naar de lucht (kton/jaar)
4. Specifieke CO₂-uitstoot naar de lucht (kg/ton product)
## Onze prestaties en activiteiten in 2022
### CO₂-uitstoot naar de lucht
In 2022 is zowel de directe hoeveelheid CO₂-uitstoot (Scope 1) als de indirecte hoeveelheid CO₂-uitstoot (Scope 2) afgenomen tegenover 2021, respectievelijk met 5,8% en 7,5%. Dit vertegenwoordigt een totale daling van 6,4% van alle CO₂-emissies die verband houden met de activiteiten van de hele Agfa Groep (scopes 1 & 2 samen). Deze positieve trend is al verscheidene jaren aanwezig en komt neer op een aanzienlijke daling van onze totale uitstoot van broeikasgassen (-41% sinds 2013).
De specifieke CO₂-uitstoot (Scope 1 en 2 samen) bleef hoger dan in de laatste jaren door veranderingen in de productiefrequentie, aangezien opstart- en stopfases van de productiecampagnes verhoudingsgewijs verantwoordelijk zijn voor een groter aandeel van de CO₂-uitstoot.
| | 2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | 2021 | 2022 |
| :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- |
| CO₂-Scope 1 (kiloton/jaar) | 120,6 | 113,5 | 113,6 | 104,1 | 102,4 | 98,3 | 95,8 | 98,8 | 101,1 | 95,3 |
| CO₂-Scope 2 (kiloton/jaar) | 163,8 | 113,0 | 113,7 | 107,9 | 109,7 | 103,5 | 101,4 | 96,7 | 94,5 | 87,4 |
| Specifieke CO₂-uitstoot (Scope 1 en 2) naar de lucht in kg/ton product | 235,8 | 217,8 | 217,5 | 199,6 | 193,7 | 186,9 | 179,2 | 172,4 | 172,3 | 170,5 |
Hoewel wij tevreden zijn dat de absolute impact van onze CO₂-uitstoot een weerspiegeling vormt van ons streven naar voortdurende verbetering van onze processen, zullen wij de komende jaren streven naar de loskoppeling van de uitstoot van de productie om ook de specifieke uitstoot te verminderen.
De vermindering van de broeikasgasemissies van onze eigen activiteiten is een punt van voortdurende aandacht en is uiterst belangrijk als uiting van ons engagement in de strijd tegen klimaatverandering. Daarom worden elk jaar verdere optimaliseringsmaatregelen ingevoerd met een wisselende impact. Zo was 100% van het aangekochte elektriciteitsvolume in België in 2022 afkomstig van hernieuwbare bronnen.
### Er beweegt wat
In 2022 zijn we blijven kijken naar onze impact buiten de bedrijfsvoering. We hebben veel geïnvesteerd in de electrificatie van ons Belgische wagenpark. Dit mobiliteitsprogramma betreft zowel de voertuigen voor het vervoer van personeelsleden binnen de vestiging als de bedrijfswagens van de werknemers. Eind 2022 vertegenwoordigden (Plug-in Hybride) Elektrische Voertuigen in België al 7% van het wagenpark van onze vestiging. Het programma zal van jaar tot jaar evolueren, sterk ondersteund door een nieuw mobiliteitsplan dat in 2022 in België werd gelanceerd en dat Agfa-werknemers in staat stelt een fiets te leasen en dat het aanbod van bedrijfswagens uitbreidde naar elektrische voertuigen (EV's) en plug-in hybride elektrische voertuigen (PHEV's). Aangezien Agfa volledig wil inzetten op een groener wagenpark, zijn auto's met een CO₂-uitstoot hoger dan 120 g/km (WLTP-norm) uitgesloten van dit gamma. Dit werd toegejuicht door onze medewerkers. Op het einde van het vierde kwartaal van 2022 waren 95% van de bestelde bedrijfswagens EV's of PHEV's. Dit is een mooie aanvulling op de maatregelen om carpoolen te stimuleren (die al enkele jaren worden toegepast), zoals fiscale voordelen en de mogelijkheid om dichter bij de ingang van de fabriek te parkeren.
Dit mobiliteitsplan is gekoppeld aan de noodzakelijke aanpassing van de infrastructuur, bijvoorbeeld de installatie van 32 oplaadpunten op onze Belgische parkeerterreinen in 2022. Een uitbreiding met 99 extra oplaadpunten is al voorzien voor 2023.
# 6. Overige uitstoot naar de lucht
## Relevantie en grenzen
Hoewel wij dit onderwerp in onze materialiteitsmatrix niet formeel als materieel aangeven, worden luchtemissies die geen betrekking hebben op broeikasgassen normaliter samen beheerd. Dit zijn verontreinigende stoffen met negatieve effecten op het klimaat, de ecosystemen en de luchtkwaliteit. Het streven om deze uitstoot aan te pakken maakt daarom deel uit van onze algemene strategie om onze milieuprestaties voortdurend te verbeteren en onze effecten te verminderen.
De gegevens in dit jaarverslag hebben betrekking op:
* Ozonlaagaftrekkende stoffen;
* NOₓ (berekend als NO₂);
* SO₂;
* Vluchtige Organische Stoffen (VOS);
* Vluchtige Anorganische Stoffen (VAS), bijv. HNO₃, HCI, NH₃, H₄N₂, Cl₂, F₂, HF, H₂S, HCN.
## Onze managementaanpak
Zoals geldt voor andere onderwerpen die strikt verband houden met operationele prestaties, wordt het beheer van uitstoot naar de lucht gecoördineerd op lokaal niveau. Elke vestiging is belast met het in kaart brengen van haar emissies op alle gebieden van de bedrijfsvoering en het vaststellen van mogelijkheden om deze te verminderen. Uitstoot naar de lucht moet nauwgezet worden gecontroleerd om te kunnen voldoen aan de plaatselijke voorschriften en in sommige landen kunnen voor specifieke verbindingen emissiegrenswaarden gelden, overeenkomstig de plaatselijke richtlijnen. De processen zijn zo opgesteld dat minimaal voldaan wordt aan de ISO 14001-richtlijnen.
## Onze indicatoren
1. Emissies van ozonlaagaftrekkende stoffen (ton CO₂-equivalenten/jaar)
2. Uitstoot van NOₓ, SO₂, VOS, VAS (ton/jaar)
3. VOS-uitstoot (ton/jaar)# Specieke VOS-uitstoot (kg/ton product)
## Onze prestaties en activiteiten in 2022
### Ozonlaagarekende stoen (ton CO 2 -equivalenten/jaar)
Naar aanleiding van de oplossing van een intern defect in een koelmachine in de vestiging van Mortsel in 2021, bevestigen wij met genoegen dat de emissies van ozonarekende stof- fen voor 2022 weer een genormaliseerde waarde hebben bereikt. Wij zullen ons blijven in- spannen om het gebruik van installaties die deze stoen bevatten verder te verminderen en te optimaliseren. We rapporteren alleen gegevens vanaf 2019 omdat we eerder hadden vastgesteld dat de be- rekeningsmethoden van sommige van onze vestigingen niet op elkaar waren afgestemd. Wij beschouwen de gerapporteerde gegevens representatiever voor vergelijkingsdoeleinden, omdat ze door alle vestigingen op dezelfde manier zijn berekend.
### Ozonlaagafbrekende stoen (ton CO 2 -equivalenten/jaar)
| | 2019 | 2020 | 2021 | 2022 |
| :---- | :------------- | :------------- | :------------- | :------------- |
| | ., | , | ., | , |
## VOS-uitstoot naar de lucht
De luchtemissies exclusief CO 2 daalden in 2022 met 6,9%. Deze daling is bijna volledig toe te schrijven aan de lagere NO x -emissies in verband met het aardgasverbruik. Als gevolg van voortdurende inspanningen en optimalisering van de processen vertoont de trend in de VOS-emissies een voortdurende daling en zijn de absolute emissies in 2022 met 7,4% afgenomen. Tegelijkertijd bleven de specieke VOS-emissies op een laag niveau van 0,32 kg per geproduceerde ton. Wij blijven ook de terugwinningsgraad van oplosmiddelen verhogen door verbeterde be- drijfspraktijken en aanpassingen aan de fabriek. De daling is ook het gevolg van verschillen- de optimalisaties die mogelijk zijn geworden door de automatisering van het bijhouden van de oplosmiddelenbalans.
## Uitstoot van NO x , SO 2 , VOS, VAS naar lucht
| | 2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | 2021 | 2022 |
| :---------------- | :---------- | :---------- | :---------- | :---------- | :---------- | :---------- | :---------- | :---------- | :---------- | :---------- |
| | , | , | , | , | , | , | , | , | , | , |
| NO X | , | , | , | , | , | , | , | , | , | , |
| SO 2 | , | , | , | , | , | , | , | , | , | , |
| VOS | , | , | , | , | , | , | , | , | , | , |
| VAS | , | , | , | , | , | , | , | , | , | , |
| **TOTAAL (ton/jaar)** | **,** | **,** | **,** | **,** | **,** | **,** | **,** | **,** | **,** | **,** |
## VOS (ton/jaar)
| | 2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | 2021 | 2022 |
| :---- | :---------- | :---------- | :---------- | :---------- | :---------- | :---------- | :---------- | :---------- | :---------- | :---------- |
| | , | , | , | , | , | , | , | , | , | , |
| VOS | , | , | , | , | , | , | , | , | , | , |
## Specieke VOS-uitstoot naar de lucht (kg/ton van product)
# FOCUS Op Onze planeet
## Ons engagement voor de toekomst op het vlak van klimaatactie
Het streven naar ontkoppeling van broeikasgasemissies en energiegebruik van productie- volumes is en blijft een van de focuspunten van ons werk in de komende jaren. Wij zullen dit engagement in onze bedrijfsstrategie blijven weerspiegelen door jaarlijks pri- oritaire projecten vast te stellen, zowel bij onze activiteiten als in samenwerking met part- ners in de waardeketen. Ook zullen wij onze volle steun blijven geven aan de uitvoering van de Europese Green Deal, een pakket beleidsinitiatieven dat de Europese Unie op weg moet helpen naar een groene transitie, met als uiteindelijk doel het bereiken van klimaatneutraliteit in 2050. Het is zeker een belangrijk instrument om duurzame ontwikkeling te bewerkstelligen. Wij vinden dit van het allergrootste belang om de hele industrie aan te zetten tot duurzamere productie en steu- nen dit volledig, zowel via alle verenigingen van onze sectoren als via onze eigen processen. Om geleidelijk een netto-nul-organisatie te worden, zullen wij ons voortdurend doelen stellen, of het nu gaat om de totale uitstoot of om specieke gebieden of het gebruik van grondstoen. Terwijl sommige plannen al zeer concreet zijn, zoals een voor 2023 goedge- keurd herinvesteringsplan in de energieproductie (industriële warmtepomp, mechanische dampcompressie en elektrische boiler) waarmee wij in België vanaf 2024 onze CO 2 -uitstoot nog aanzienlijk kunnen verminderen, zijn andere nog in ontwikkeling. Op die laatste ge- bieden hebben wij reeds onze inspanningen opgevoerd om op transparante wijze van ge- dachten te wisselen met partners die ons kunnen helpen bij het opsporen van lacunes, het vaststellen van corrigerende maatregelen en het verbeteren van onze algemene prestaties en maturiteit, zodat wij formele verbintenissen kunnen aangaan. Naast nieuwe technische implementaties beschouwen wij ook opleiding en bewustmaking rond duurzaamheidsthema's als essentieel om gedragsverandering te stimuleren en innova- tie te ondersteunen.
# Relevantie en grenzen
Tegenwoordig strekken waardeketens zich uit over de hele wereld en kunnen onderne- mingen zich niet meer alleen richten op hun eigen producten en directe processen. Het is cruciaal dat bedrijfspraktijken in overeenstemming zijn met de verwachtingen van belang- hebbenden, niet alleen intern, maar ook wereldwijd in hun waardeketen, om zakelijke en morele verstoringen te voorkomen. Het beheersen van de hele waardeketen is zo'n uitda- ging dat het onmogelijk is zonder partnerschappen te beschouwen als een belangrijk instru- ment om de duurzaamheidstransformatie van ondernemingen te stimuleren. Bij Agfa zijn onze waardeketens uitgebreid en divers door onze verscheidenheid aan produc- ten en diensten en de vele markten waarin we actief zijn. Ze omvatten de brede waaier van onze leveranciers, bv. leveranciers van grondstoen en verpakkingen, onze distributeurs, klanten en nog veel meer. Het duurzaamheidsbeheer van de toeleveringsketen is gebaseerd op een gedetailleerde analyse en monitoring van de toeleveringsketen, een geïnformeerde risicobeoordeling en een reeks beleidsmaatregelen om met partners om te gaan. Daartoe behoren de duurzaamheidsverklaring voor leveranciers (Supplier Sustainability Declaration - SSD), de gedragscode, het veiligheids-, gezondheids- en milieubeleid, de prestatienormen voor leveranciers, enz. Een van de horizontale voorwaarden voor deze processen is de uit- wisseling van informatie in de waardeketen. Dit deel heeft speciek betrekking op de uitwisseling van informatie met twee van onze partnergroepen, namelijk klanten en leveranciers.
## Onze managementaanpak
De uitwisseling van informatie in onze waardeketen verloopt via verschillende kanalen. Op mondiaal niveau gebruiken wij voornamelijk onze ondernemingswebsite, bijvoorbeeld voor de publicatie van de veiligheidsinformatiebladen (SDS) van al onze producten en het jaarverslag met de voortgang van onze duurzaamheidsprestaties. Deze worden aangevuld met een reeks instrumenten die meer of minder relevant zijn, aankelijk van het land en/ of de specieke markten.
### Leveranciers
De contacten met onze leveranciers worden gecoördineerd door Agfa's Aankoopafdeling volgens specieke lokale en nationale wettelijke vereisten. Het Agfa Purchasing team is een corporate team dat alle Agfa-divisies ondersteunt en bedient, hoewel voor sommige regio's en aankelijk van specieke zakelijke behoeften, lokaal personeel kan worden aangesteld. De selectie van leveranciers verloopt volgens een gestructureerd kwalicatie- en evalua- tieproces dat verschillende gebieden onderzoekt die van belang zullen zijn in toekomstige relaties, zoals resource- en kwaliteitsbeheer. Goedgekeurde leveranciers worden dan geclas- siceerd volgens een niveausysteem gebaseerd op hun impact op de bedrijfswinst en de continuïteit voor Agfa, maar ook voor de eindklanten van Agfa, en op de complexiteit van de toeleveringsmarkt en het risiconiveau. Deze classicatie wordt vervolgens gebruikt om de frequentie te bepalen van kwalicatie- en controleprocessen zoals audits of scorekaarten waarin verschillende aspecten van de prestaties van de leverancier zijn opgenomen (bv. eva- luaties van gezondheidsrisico's, aantal klachten, genomen corrigerende maatregelen enz.). Bovendien is Agfa's leveranciersgedragscode (Supplier Code of Conduct – CoC) een belangrijk document ter ondersteuning van onze samenwerking met leveranciers. De ge- dragscode voor leveranciers is beschikbaar op onze corporate website en is opgenomen in de contracten met onze belangrijkste leveranciers. Er wordt naar verwezen in al onze aan- kooporders via onze aankoopvoorwaarden. Het vereist de naleving van de wetten van de toepasselijke rechtsstelsels, de handhaving van nalevingssystemen en het vermogen van de leveranciers om aan te tonen dat zij de wet en algemeen aanvaarde vormen van eerlijkheid en menselijk fatsoen naar behoren naleven.
### Klanten
Het contact met onze klanten wordt op lokaal niveau gecoördineerd door elke divisie, vol- gens specieke lokale en nationale wettelijke vereisten. Bepaalde programma's worden op regionaal niveau opgezet, op basis van de lokale context en de belangstelling van klanten om zich speciek met duurzaamheid bezig te houden. Zo heb- ben wij in Noord-Amerika GreenWorks opgezet, een accreditatieprogramma voor klanten in de grasche sector die blijk hebben gegeven van milieuverantwoordelijkheid en groenere re- sultaten hebben bereikt door het gebruik van technologie, producten, diensten en praktijken.
## Onze prestaties en activiteiten in 2022
In 2022 hebben wij onze inspanningen geconsolideerd om de betrokkenheid bij duurzaam- heidsthema's in onze toeleveringsketen te vergroten. Dit bleef essentieel voor de versnelling van onze vooruitgang. Het consolideren en beter zichtbaar maken van de reeds uitgevoerde of lopende initiatieven, zowel intern als extern, was een noodzakelijke eerste stap. Daarom hebben wij actie ondernomen om de huidige sterke punten, de lacunes en de plannen om die aan te pakken op verschillende niveaus transparant te communiceren. Meer speciek betekent dit dat wij:
* Interne zichtbaarheid geven aan duurzaamheidsdoelstellingen, verplichtingen en verant- woordelijkheden om ervoor te zorgen dat al onze teams meedoen, bijv.# 2022 Jaarverslag Agfa-Gevaert
## 49 Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
### Duurzaamheid
* tijdens Infotours (interne driemaandelijkse bedrijfsupdates), in een intern magazine, op intranet, tijdens evenementen enz.
* De externe zichtbaarheid, transparantie en duidelijkheid in onze communicatie naar onze belanghebbenden verhoogden door het thema duurzaamheid regelmatig op te nemen in onze presentaties voor analisten en de pers en door regelmatig updates te delen op de speciale sectie op onze website.
* Onze eigen vaardigheden verbeterden, bijvoorbeeld door opleiding en ad-hocondersteuning van teams op het gebied van duurzaamheid. In 2022 volgde het Agfa Purchasing team bijvoorbeeld een opleiding over duurzame aankoop.
* Verscheidene vragenlijsten over maatschappelijk verantwoord ondernemen en duurzaamheid van klanten beantwoordden.
* Onze huidige prestaties beoordeelden via de EcoVadis-vragenlijst, waardoor onze bronzen medaille werd verlengd. Naast de beoordeling van onze huidige prestaties leverde het resultaat van de EcoVadis-beoordeling een lijst van aanbevelingen op voor mogelijke voortdurende verbeteringen. Als gevolg daarvan hebben wij in 2022 onze processen versterkt op het gebied van inkoop en communicatie in de hele leveringsketen. Onze Potential Supplier Assessment (PSA), die wordt gebruikt voor de kwalificatie van nieuwe (potentiële) leveranciers, omvat nu bijvoorbeeld een duurzaamheidsscore. Er loopt ook een proces om een duurzaamheids-KPI te definiëren en op te nemen in scorecards die in 2023 volledig operationeel zouden moeten zijn. Alle uitwisselingen dienden als basis om onze duurzaamheidsstrategie te verfijnen en de volgende stappen in onze reis te creëren. De activering van onze teams wereldwijd vertaalt zich in een voortdurende toename van de aandacht voor deze onderwerpen en een meer proactieve benadering van de aanpak ervan met klanten, collega's en belanghebbenden in het algemeen.
| Cijfer | Waarde | Toelichting |
| :--------------------------- | :--------- | :---------------------------------------------------------------------------------------------- |
| Ongevallen | -28% | tegenover 2021 |
| Taskforce | 1 | opgericht om aantal ongevallen verder terug te dringen |
| Aandeel vrouwen | 32,8% | in alle nieuwe vaste aanwervingen |
| Online training per werknemer | Bijna 17 uur | (gemiddelde in 2022) |
| Doel | | Een veilige, inspirerende, diverse en inclusieve werkomgeving verzekeren, met gelijke kansen om te ontwikkelen en te groeien! |
### 50 Focus op onze mensen
#### Onze ambitie
Agfa dankt zijn succes aan zijn mensen en bouwt zijn toekomst op de competenties, de passie, de creativiteit en het engagement van al zijn teams. Mensen zijn de motor van alles wat we doen. Daarom is het bieden van een veilige, zorgzame, inspirerende en inclusieve werkomgeving met gelijke kansen om te gedijen en te groeien de sleutel tot duurzame vooruitgang. Dit is de visie die we willen opnemen in onze bedrijfscultuur: bevorderen dat we op bedrijfsniveau van elkaar kunnen leren, luisteren naar onze klanten en marktgedreven zijn om resultaten te behalen. Wij willen de gezondheid en het welzijn van onze medewerkers positief beïnvloeden door te zorgen voor ondersteunende werkomstandigheden, maar ook dat van externe mensen door hen via onze producten te helpen evolueren naar digitale oplossingen, energietransitie en kwalitatieve patiëntenzorg.
#### Ons beleid
Onze waarden komen tot uiting in de Gedragscode (Code of Conduct – CoC) van de Groep. Ter ondersteuning van de vertaling van de Gedragscode in duidelijke dagelijkse processen vertrouwen wij op een reeks beleidslijnen en bedrijfsrichtlijnen, zowel op mondiaal als op lokaal niveau. In 2022 zijn ons bedrijfsbeleid inzake veiligheid, gezondheid en milieu (Corporate Safety, Health & Environment - SH&E), ons HR-aanwervingsbeleid, ons wereldwijde leer- en ontwikkelingsbeleid en ons beleid inzake compensatie en functiewaardering geconsolideerd in ons overkoepelend beleid inzake duurzaamheidsbeheer en ons beleid op het vlak van diversiteit, gelijkheid en inclusie.
### 51
#### AANTAL WERKNEMERS
* **Totaal:** 6.936 (of 6,688 voltijds equivalenten in 2022)
| Regio | Percentage |
| :------------ | :--------- |
| Europa | 65,5% |
| Azië Oceanië | 15,1% |
| Latijns-Amerika | 13,6% |
| NAFTA | 5,8% |
| Afrika | 0,0% |
| Corporate Functie | Percentage |
| :------------------------- | :--------- |
| Productie | 31,5% |
| Service | 21,4% |
| Offset Solutions | 19,9% |
| Verkoop | 15,1% |
| Algemeen & Administratie | 15,5% |
| Radiology Solutions | 15,2% |
| Onderzoek & Ontwikkeling | 12,7% |
| HealthCare IT | 17,1% |
| Digital Print & Chemicals | 10,1% |
| Logistiek & Supply chain | 3,8% |
| Executive Management | 0,1% |
| Ondersteunende Diensten | 37,6% |
| Toewijzing | Percentage |
| :------------------------- | :--------- |
| (1) Offset Solutions | 19,9% |
| (2) HealthCare IT | 17,1% |
| (3) Digital Print & Chemicals | 10,1% |
| (4) Radiology Solutions | 15,2% |
| (5) Executive Management | 0,1% |
| (6) Ondersteunende Diensten | 37,6% |
| Categorie | Percentage |
| :----------------------------- | :--------- |
| Medewerkers | 76,8% |
| Managementfuncties | 23,2% |
| Nieuwe medewerkers | 67,2% |
| Medewerkers | 32,8% |
| Leeftijdscategorie | Percentage |
| :----------------- | :--------- |
| <20 | 0,3% |
| 21-30 | 6,6% |
| 31-40 | 16,6% |
| 41-50 | 25,4% |
| 51-60 | 39,5% |
| 61-70 | 11,5% |
| 70< | 0,1% |
| Nationaliteiten | Aantal Werknemers |
| :-------------- | :---------------- |
| Belgische | 2.343 |
| Duitse | 756 |
| Amerikaanse | 585 |
| Chinese | 409 |
| Britse | 331 |
* **Nationaliteiten:** 45
* **Vrouwen:** 23,2%
* **Mannen:** 76,8%
### 52 Wij zijn Agfa
### 53 2022 in een oogopslag
Sinds 2020 hebben we ons gericht op het opbouwen van een algemene bedrijfsaanpak voor het kaderen en coördineren van projecten, middelen en doelstellingen tussen verschillende regio's en afdelingen en om ze om te zetten in concrete acties. 2022 was een jaar van consolidatie, waarin we onze focus op belangrijke thema's als gezondheid & veiligheid en leren & ontwikkeling hebben gehandhaafd. Dit jaar werd ook een aanzienlijk deel van onze inspanningen besteed aan het vinden van manieren om de verwachtingen van onze mensen beter te begrijpen en een bedrijfscultuur van Diversiteit, Gelijkheid & Inclusie te ontwikkelen. Dit werd vooral gedreven door de oprichting van een Global Diversity Equality Inclusion Council en drie Employee Resource Groups die werken rond gendergelijkheid, etniciteit en samenwerking tussen generaties, alsook door de lancering van de eerste Agfa-brede betrokkenheidsenquête als instrument om de cultuur en het welzijn van onze onderneming op te volgen.
Bijna 70% van de medewerkers van de onderneming nam deel aan de enquête, wat op zich al duidde op een grote betrokkenheid. Er werden meer dan 18.500 individuele opmerkingen ontvangen. Het was een gelegenheid om te vieren wat we bijzonder goed doen en tegelijkertijd te leren waar kansen liggen om dingen beter te maken. De resultaten bevatten enkele zeer positieve boodschappen, zoals het feit dat de mensen over het algemeen trots zijn om voor Agfa te werken. De medewerkers voelen zich autonoom, weten wat ze moeten doen om hun werk goed uit te voeren en zien hoe hun werk bijdraagt tot Agfa in het algemeen. Ook het vieren waard is dat we vrij gunstig scoorden op het vlak van diversiteit, gelijkheid en inclusie. De algemene betrokkenheidsscore voor de onderneming, die 58% positief was, is echter 15 procentpunten lager dan de externe benchmark (73%) en daarom zullen er inspanningen geleverd moeten worden om naar de bezorgdheden te luisteren en verbeteringen aan te brengen. Wij gaan daarom dieper in op de resultaten van de betrokkenheidsenquête om een tweeledige aanpak te implementeren van algemene acties op bedrijfsniveau, gekoppeld aan grass-roots acties binnen teams om zichtbare resultaten te creëren om de betrokkenheid in de hele onderneming te vergroten.
Opmerkelijk was ook dat de betrokkenheid in belangrijke mate afhing van de locatie, het land, de leeftijd, de rang en andere demografische kenmerken. We zullen dit nader bekijken om het effect van corrigerende maatregelen te maximaliseren.
### 54 Focus op onze mensen
#### 1. Werknemerswelzijn, Menselijk Kapitaal en Opleiding & Ontwikkeling Beleid
Hoewel de details voor elk proces in de onderstaande hoofdstukken worden gegeven, vallen het algemene beheer en de belangrijkste verantwoordelijkheden voor deze onderwerpen onder de verantwoordelijkheid van de afdeling Human Resources, vanwege haar sleutelrol in de verschillende fasen van de betrokkenheid bij de werknemers. Verschillende Global en Regional HR Business Partners bouwen, onderhouden en ontwikkelen relaties met senior leiders/managers en medewerkers en fungeren als aanspreekpunt voor het management, terwijl ze betrokken zijn bij belangrijke zakelijke beslissingen. Maandelijkse check-ins zorgen voor een grondige follow-up en uitwisseling in de loop van het jaar.
Omdat we een uitgebreid transformatietraject zijn ingegaan, is het versterken van onze expertise op het gebied van Human Resources een topprioriteit voor de Groep, zodat we onze mensen in het middelpunt van onze transformatie kunnen plaatsen. Daarom is onze Chief Human Resources Officer Gunther Koch sinds september 2021 ook lid van het Executive Management Team.
"De transformatie van Agfa gaat niet alleen over processen en bedrijfsmodellen - het gaat ook over onze mensen, onze cultuur en onze doelstellingen. Het gaat erom een omgeving te creëren waarin onze mensen zich thuis voelen, waar ze hun beste zelf kunnen zijn en emotioneel betrokken zijn om Agfa's belofte aan de maatschappij, de klanten en de aandeelhouders waar te maken."
**Gunther Koch, Chief Human Resources Officer**
#### Diversiteit, Gelijkheid en Inclusie
Wij willen dat onze onderneming een plek is waar diversiteit van zowel mensen als gedachten overal gewaardeerd wordt - een plek waar we allemaal onszelf kunnen zijn en het gevoel hebben erbij te horen. Als we dit goed doen, zullen onze prestaties verbeteren doordat we nog dichter bij de behoeften van onze mensen en onze klanten komen te staan. Diversiteit op het werk betekent het tewerkstellen van een personeelsbestand dat een afspiegeling is van de maatschappij waarin het bestaat en opereert. Voor Agfa betekent diversiteit alle kenmerken die individuen uniek maken, zoals geslacht, ras & etniciteit, leeftijd, denkwijzen, opleiding enz. Inclusie verwijst naar de cultuur en werkomgeving die zodanig zijn opgezet dat iedereen zich welkom voelt en waar diversiteit een bron van kracht is.# Onze focus voor 2022 lag op de manier waarop we mensen aanwerven en ontwikkelen, op het onderzoeken van manieren om een meer inclusieve omgeving te bevorderen en op het zorgen dat ons beleid en onze processen altijd gelijke kansen bevorderen.
## Relevantie en grenzen
Wij streven naar een werkomgeving die veilig, inspirerend en inclusief is, met gelijke kansen om te gedijen en te groeien door een klimaat van vertrouwen, tolerantie en openheid te creëren. Wij geloven dat diversiteit, inclusie en integratie van die diversiteit een sleutelfactor is om in deze visie te slagen. Agfa's bedrijfscultuur is er verder op gericht een omgeving te bevorderen waarin mensen verbonden zijn met de onderneming en een gevoel van verbondenheid ervaren.
Agfa is actief in meer dan 100 landen en heeft eigen productiecentra, O&O-centra en verkooporganisaties in meer dan 40 landen. Bij Agfa werken werknemers van meer dan 80 nationaliteiten met verschillende achtergronden, persoonlijkheden en visies elke dag samen. Deze diversiteit verrijkt de organisatie omdat ze de motor is van Agfa's prestaties, innovatie en algemene cultuur.
## Onze managementaanpak
Agfa beschikt over beleidslijnen en procedures om de implementatie van zijn visie te verzekeren. Sinds 2003 voert de Raad van Bestuur van Agfa een beleid van gelijke tewerkstellingskansen en staat hij achter een nuldiscriminatiebeleid waarin geen plaats is voor discriminatie op grond van ras, godsdienst, politieke overtuiging, huidskleur, geslacht, leeftijd, nationaliteit, handicap of enige andere wettelijk onaanvaardbare classificatie.
Deze verbintenis maakt deel uit van Agfa's Corporate Governance Charter onder 'Bijlage A: Gedragscode'; dit document kan geraadpleegd worden op Agfa's website: https://www.agfa.com/corporate/investor-relations. Het Corporate Governance Charter en alle belangrijke beleidslijnen en procedures zijn in 2020 geactualiseerd.
De verschillende partijen die bij projecten betrokken zijn, zoals werknemers en onderaannemers, moeten dezelfde aandacht krijgen. Het Corporate Governance Charter en de procedures bevatten minimumeisen op het gebied van ethiek, non-discriminatie en eerbiediging van de mensenrechten. Een basisprincipe is dat iedereen die bij projecten betrokken is, met respect wordt behandeld. Het wordt verder uitgewerkt in Agfa's diversiteitscharter.
In het diversiteitscharter verbindt Agfa zich tot het volgende:
* Het non-discriminatieprincipe toepassen in al zijn vormen en voor alle fasen van het leven bij Agfa, d.w.z. aanwerving, promotie, pensionering;
* Management en werknemers opleiden om hen in staat te stellen om te gaan met uitdagingen in verband met DEI;
* Alle vormen van discriminatie actief aanpakken.
Dit Charter wordt volledig onderschreven door Agfa’s directie. Samen met de sociale partners verbindt de directie zich ertoe het actief te ondersteunen. Agfa verwacht ook dat al zijn werknemers de rechten en de eigenheden van alle mensen respecteren.
Naast het gedrag dat van de werknemers verwacht wordt, blijven we de leiders bij Agfa verantwoordelijk houden voor het promoten en tot leven brengen van ons engagement om een diverse en inclusieve werkplaats te creëren waar iedereen het gevoel heeft erbij te horen en zijn beste en meest authentieke zelf kan zijn.
Terwijl wij het bewustzijn blijven vergroten door onze DEI-toolkit en trainingen (gericht op bewustwording en ontwikkeling van vaardigheden, onbewuste vooroordelen, capaciteiten van leiders en managers, enz.) op ondernemingsbrede basis uit te rollen, hebben wij ook gereageerd op de noodzaak om een bredere, meer uitgesproken DEI-strategie en een plan te ontwikkelen. De ontwikkeling van een DEI-strategie vereist sterke sponsoring van onze senior leiders, maar wij willen er ook al onze medewerkers bij betrekken en hen in staat stellen deel uit te maken van de oplossing.
## focus op onze mensen
Daarom werd in 2022 een Global Diversity, Equality and Inclusion Council opgericht om het wereldwijde personeelsbestand te creëren dat nodig is voor Agfa's zakelijk succes. De Global DEI Council zal erop toezien dat Agfa's doelstellingen en strategische prioriteiten grondig verankerd worden in de DEI-tactieken en deze koppelen aan bredere organisatorische doelstellingen en KPI's. De Global DEI Council is het verantwoordelijke orgaan om de waarde van inclusie te communiceren, zowel intern als extern.
Door zijn wereldwijde en cross-functionele samenstelling zal de Global DEI Council zich richten op het verwerven van een dieper inzicht in hoe de regionale bedrijfsomstandigheden het werk op het vlak van Diversiteit, Gelijkheid & Inclusie beïnvloeden en sturen. Als gevolg daarvan zullen we een platform hebben voor het vormgeven en wereldwijd delen van beste praktijken om inclusieve acties en gedragingen voor alle Agfa-collega's te beïnvloeden. De Global DEI Council zal ook helpen om achterhaalde normen en barrières voor DEI-succes te identificeren en weg te werken.
"Iedereen kan bijdragen aan een meer inclusieve werkplek. Onze ERG biedt een collectieve stem voor de zorgen van alle collega's over kwesties die hun identiteitsgroep op de werkplek raken. We streven ernaar die te helpen oplossen. Er is altijd ruimte voor verbetering, dus we zullen een lange maar interessante en zeker succesvolle reis voor de boeg hebben."
> , ERG Lead EMBRACE
Deze Global Council is sterk verbonden met de oprichting in 2022 van Employee Resource Groups (ERG's) die verschillende gebieden van diversiteit bestrijken:
* **EMBRACE** – een groep die samenwerkt om een cultuur van open toegang te creëren om de inclusiviteit voor etnisch diverse werknemers te maximaliseren, sterke werknemersrelaties op te bouwen en mensen met elkaar in contact te brengen in een omgeving die erkent dat iedereen andere omstandigheden heeft en alle werknemers precies de middelen en mogelijkheden biedt die nodig zijn om hun volledige potentieel te maximaliseren en te bereiken.
* **Equal Gender Opportunity (EGO)** – een groep die samenwerkt om de persoonlijke ontwikkeling en professionele vooruitgang van vrouwen en mannen te versnellen door middel van transformationele leer- en leiderschapskansen en -ervaringen.
* **Generations Working Together (GWT)** – een groep die samenwerkt om ervoor te zorgen dat werknemers van verschillende leeftijdsgroepen zich gesteund voelen in hun loopbaarfase en openstaan voor het creëren van een inspirerende leeromgeving om Agfa en zijn werknemers te voorzien van kennis en capaciteiten voor toekomstig succes.
Deze ERG's zijn een essentieel onderdeel van wat we doen en hoe we werken bij Agfa. Elke groep heeft een zeer diverse vertegenwoordiging van onze Agfa-divisies, regio's en functies en krijgt een actieve sponsor van het Executive Management Team om ideeën, standpunten en perspectieven te delen. Het doel is om de energie en ideeën van gepassioneerde vrijwillige leden vast te leggen om intern nog meer bewustzijn te creëren.
"Sinds de aankondiging van dit wereldwijde initiatief hier bij Agfa, heb ik een groep van wereldwijde werknemers geïdentificeerd en samengesteld die met inzet en toewijding zal werken aan de bewustwording van onze huidige normen en aan oplossingen om de gendergelijkheid binnen onze organisatie te vergroten."
> , ERG Lead Equal Gender Opportunity (EGO)
"Ik vervoegde Agfa twee jaar geleden en ik ben nog steeds een twintiger. Dit staat in contrast met de meeste van mijn collega's die 50+ zijn en vaak het grootste deel van hun professionele leven bij Agfa hebben doorgebracht. Deze situatie brengt unieke uitdagingen met zich mee. Ik wilde deel uitmaken van het ERG-initiatief en werken aan het vinden oplossingen om de Agfa-medewerkers met de meeste dienstjaren gemotiveerd en ondersteund te houden in een veranderende omgeving, om ervoor te zorgen dat hun relevante kennis en ervaring niet verloren gaan, en om van Agfa een aantrekkelijker en boeiender onderneming te maken voor nieuwe en jongere Agfa-medewerkers. Samen met ons gemotiveerde ERG-team geloof ik dat we van Agfa een betere werkplek voor alle generaties kunnen maken."
> , ERG Lead Generations Working Together (GWT)
De rol van Talent Acquisition en HR professionals is een integraal onderdeel van de ontwikkeling van processen om barrières voor inclusie te slechten. Agfa's Talent Acquisition en HR professionals spelen daarom een belangrijke rol in het aantrekken, behouden en ondersteunen van hoogopgeleide, diverse kandidaten om de doelstellingen van de organisatie te bereiken en te overtreffen.
## Onze indicatoren
Onze indicatoren voor Werknemerswelzijn, Menselijk Kapitaal en Opleiding & Ontwikkeling:
1. Totaal % mannelijke/vrouwelijke werknemers;
2. % mannen/vrouwen per functiecategorie;
3. % Mannen/vrouwen bij nieuwe indiensttredingen;
4. Werknemers per leeftijdscategorie;
5. Werknemers per nationaliteit;
6. Gemiddeld loon/managementniveau.
## Onze prestaties en activiteiten in 2022
Aangezien wij ons inzetten voor diversiteit en inclusie in de breedste zin van het woord, d.w.z. in termen van cultuur, etniciteit, sociaaleconomische status, leeftijd, geslacht, enz. worden de daarmee verband houdende activiteiten niet in een silo behandeld, maar ingebed in de verschillende organisatorische processen die in dit hoofdstuk worden beschreven. Wij erkennen ook dat er momenteel ruimte is voor verbetering binnen de organisatie, en daarom hebben wij besloten ons in de roadmap voor duurzaamheid voor 2022 en de komende jaren te richten op DEI als een van de belangrijkste actieprioriteiten.
Om een dergelijke strategie breed uitvoerbaar te maken, was genderdiversiteit en gelijkheid een van onze belangrijkste werkstromen in 2022, gebaseerd op onze gedefinieerde kwantitatieve doelstellingen en een concreet actieplan.# Voor Agfa houdt dit in dat voor elke vacature een genderevenwichtige pool van kandidaten wordt aangeworven, dat de voordelen van de reeds behaalde resultaten behouden blijven door de retentie te verhogen en de tevredenheid van de werknemers te verbeteren, terwijl ook de diversiteit binnen de beslissingsfuncties wordt bevorderd.
In 2022 hebben wij de reeks activiteiten voortgezet om onze doelstellingen te bereiken, in het volle besef dat kwantitatieve resultaten door de aard van het onderwerp pas na verloop van tijd zichtbaar zouden worden. Deze activiteiten zijn georganiseerd rond vijf pijlers:
## 58 focus op onze mensen
* **EMBED**: Gericht op de vertaling van genderdiversiteitsdoelstellingen op corporate niveau naar teamdoelstellingen, ondersteund door regelmatige voortgangsrapportage. De dialoog met de Global DEI Council en de ERG Equal Gender Opportunity zal verder helpen om de (te maken) vooruitgang in kaart te brengen en beslissingen te beïnvloeden die zullen bijdragen tot het bereiken van Agfa's ambities inzake gendervertegenwoordiging.
* **EMPOWER**: Gericht op het begrijpen van de behoeften van het huidige personeelsbestand, het identificeren van de hiaten waarmee vrouwen te maken hebben om gelijke toegang te krijgen tot functies en het intern aanbieden van de juiste instrumenten en training om deze onderwerpen aan te pakken. Ervoor zorgen dat onze vacatures voldoende zichtbaar zijn voor een brede groep kandidaten door niet-stereotiepe bewoordingen te gebruiken, evenals divers promotiemateriaal en diverse publicatieplatformen. Ervoor zorgen dat onze carrièrewebpagina diverse getuigenissen van onze huidige werknemers weergeeft.
* **ATTRACT**: Gericht op betrokkenheid op lokaal niveau om toekomstig talent te ontwikkelen, bijvoorbeeld door samen te werken met scholen en STEM-initiatieven (wetenschap, technologie, techniek en wiskunde) te ondersteunen.
* **SPONSOR**: Gericht op het verhogen van de zichtbaarheid van deze onderwerpen, zowel intern als extern, bv. door het creëren van specifiek communicatiemateriaal voor onze sociale netwerken en het geven van zichtbaarheid aan dit onderwerp in onze corporate nieuwsbrief.
De visie, acties en vooruitgang inzake duurzaamheidsthema's werden in 2022 daarom voorgesteld aan Agfa-werknemers op elke Infotour (interne driemaandelijkse bedrijfsupdates) en op andere evenementen zoals AgfaPolis (een HealthCare IT-evenement in Gent, België).
Sinds 2015 voldoet de samenstelling van de Raad van Bestuur (RvB) aan de wettelijke verplichtingen inzake genderdiversiteit zoals bepaald door de Belgische wet van 28 juli 2011. Agfa heeft een rekruteringsbeleid dat gericht is op diversiteit, met inbegrip van genderdiversiteit. De wettelijke vereiste dat minstens een derde van de leden van de Raad van Bestuur van het andere geslacht moet zijn, is bijgevolg vervuld. Meer informatie over diversiteit voor de RvB is te vinden in de Corporate Governance Verklaring.
Hieronder volgt een samenvatting van onze globale prestaties in 2022 voor het voltallige personeel. Voor de rapportage over DEI worden de functies van het Executive Management in twee categorieën verdeeld. De kanalen om deze twee categorieën te bereiken, te behouden en te motiveren zijn verschillend en daarom is het praktischer om onze prestaties afzonderlijk te monitoren om het effect van onze activiteiten te begrijpen.
### SHARE
| Headcount/managementniveau | Vrouw | Man | Vrouw | Man | Vrouw | Man | Vrouw | Man | Vrouw | Man |
| :------------------------- | :---- | :-- | :---- | :-- | :---- | :-- | :---- | :-- | :---- | :-- |
| | 2022 | | 2021 | | 2020 | | 2019 | | 2018 | |
| Werknemer | 35% | 65% | 34% | 66% | 35% | 65% | 35% | 65% | 36% | 64% |
| Manager | 29% | 71% | 27% | 73% | 27% | 73% | 30% | 70% | 30% | 70% |
| Middenmanagement | 28% | 72% | 28% | 72% | 27% | 73% | 29% | 71% | 28% | 72% |
| Hoger management (niveau 1) | 24% | 76% | 24% | 76% | 23% | 77% | 23% | 77% | 22% | 78% |
| Hoger management (niveau 2 en 3) | 27% | 73% | 27% | 73% | 27% | 73% | 29% | 71% | 29% | 71% |
| TOTAAL | 33% | 67% | 34% | 66% | 33% | 67% | 33% | 67% | 33% | 67% |
### Percentage mannen/vrouwen bij nieuwe aanwervingen
| | Vrouw | Man |
| :----------------------------- | :------ | :---- |
| 2022 | 67,16% | 32,84% |
| 2021 | 69,12% | 30,88% |
| 2017 | 72,37% | 27,63% |
| 2018 | 69,29% | 30,71% |
| 2020 | 66,54% | 33,46% |
| 2019 | 65,72% | 34,28% |
### Percentage nieuwe medewerkers per leeftijdscategorie
| | ≤18 | 19-24 | 25-34 | 35-44 | 45-54 | 55-64 | 65< |
| :------------------ | :---- | :---- | :---- | :---- | :---- | :---- | :---- |
| 2022 | 0,67% | 11,38% | 21,75% | 14,18% | 8,57% | 3,40% | 0,00% |
| 2021 | 1,87% | 10,67% | 19,87% | 14,71% | 7,99% | 3,18% | 0,00% |
| 2020 | 2,46% | 11,46% | 20,77% | 14,81% | 7,75% | 3,21% | 0,10% |
| 2019 | 2,87% | 10,75% | 18,47% | 14,21% | 7,40% | 3,40% | 0,20% |
| 2018 | 1,31% | 10,85% | 20,57% | 14,47% | 7,59% | 3,16% | 0,00% |
| 2017 | 1,66% | 11,75% | 20,38% | 14,69% | 8,20% | 3,77% | 0,25% |
Onze verschillende initiatieven op het vlak van talentverwerving droegen ertoe bij dat in de loop van 2022 32,8% vrouwen aangeworven werden. Hoewel dit onder onze doelstelling van 37% lag, was de prestatie helaas in lijn met de beschikbaarheid van vrouwelijk talent in de markten waar Agfa actief rekruteert. In 2022 bleven wij inderdaad geconfronteerd met een combinatie van redenen. Sommige belemmeringen gelden voor de hele markt, bijvoorbeeld de last van onbetaalde zorg en huishoudelijk werk, die al vóór de COVID-19-pandemie onevenredig zwaar op vrouwen drukte en tijdens de pandemie verder toenam, waardoor het totale aantal vrouwen dat beschikbaar is op de arbeidsmarkt afnam. Sommige andere uitdagingen zijn specifiek voor onze organisatie, aangezien wij actief zijn in de technische en industriële sector, waar een bekend groot tekort aan vrouwen bestaat, waardoor er niet altijd een keuze is tussen mannelijke en vrouwelijke kandidaten op een moment dat snelheid van aanwerving een cruciale vereiste is.
## focus op onze mensen
### Onze doelstellingen
Met het oog op de verschillende elementen van een DEI-strategie hebben wij ons gericht op gendergelijkheid als het eerste gebied waarop wij doelstellingen wilden vaststellen. Hoewel wij aanvankelijk begonnen met een eenvoudige aanpak om het percentage vrouwen als aandeel van alle nieuwe aanwervingen in vaste functies en hoge managementfuncties elk jaar geleidelijk te verhogen, zijn wij onze aanpak aan het verfijnen om een combinatie van drie elementen te integreren in onze jaarlijkse doelstellingen:
* De populatiemix van onze huidige aanwerving;
* De externe marktvertegenwoordiging per functioneel gebied;
* Een vooropgepaald ambitieniveau voor Agfa.
Wij geloven dat dit onze doelstelling zal faciliteren om de huidige en toekomstige markt- realiteit in Agfa's kernsegmenten beter te weerspiegelen en onze langetermijnambitie van gendergelijkheid te ondersteunen. Los daarvan blijft de wettelijke minimumvereiste dat ten minste een derde van de leden van de Raad van Bestuur tot het ondervertegenwoordigde geslacht behoort, een punt van aandacht bij de wijziging of uitbreiding van de samenstelling van de Raad.
### Beleid en praktijken op het vlak van verloning
#### Relevantie en grenzen
Om onze algemene verbintenissen inzake diversiteit, gelijkheid en inclusie te ondersteunen, passen wij een niet-discriminerende beloning toe. Mensen in dienst nemen is een strategische investering op lange termijn en wereldwijde organisaties blijven concurrentie ondervinden bij het aanwerven en behouden van personeel. Agfa beschouwt marktconforme verloningspakketten als een instrument om de beste talenten op de markt aan te trekken.
#### Onze managementaanpak
Het bezoldigingsbeleid voor onze Raad van Bestuur en ons Executive Management Team (EMT) wordt beschreven in ons Corporate Governance Charter; de criteria worden vastgesteld door het Benoemings- en Bezoldigingscomité. Doel van het beleid is ervoor te zorgen dat gekwalificeerde en deskundige professionals kunnen worden aangeworven, behouden en gemotiveerd, rekening houdend met de aard en de omvang van hun individuele verantwoordelijkheden.
Wat het algemene personeel betreft, hebben we een algemeen beloningsbeleid dat ervoor zorgt dat de salarissen marktconform en billijk zijn en dat ze in de verschillende regio's op een consistente manier worden gedefinieerd. Het beleid is gebaseerd op het principe dat Agfa zich verbindt tot het principe ‘betalen voor prestaties’ en op basis hiervan is de vergoeding van de individuele werknemer gebaseerd op de volgende parameters:
* het kritieke karakter van de functie en schaarste van vaardigheden binnen de markt;
* prestaties en expertise binnen de functie;
* toekomstig potentieel van de werknemer;
* externe (markt) benchmark;
* interne benchmark, i.e. salarissen van collega’s.
Een variabel salaris is een belangrijk onderdeel van het salarispakket. Het bedrag van dit variabele gedeelte hangt af van de resultaten van de respectieve divisie en regio en van de individuele prestaties, zoals gedefinieerd in het Global Bonus Plan. Voor verkoop- en servicemedewerkers is het variabele gedeelte gekoppeld aan specifieke doelstellingen in een "Sales Incentive Plan" of een "Service Incentive Plan"; voor de Executive Managers tot en met niveau 2 is het ook gekoppeld aan de verwezenlijking van ESG-doelstellingen. Het Uit- voerend Management valideert de dekkingsgraad, de regionale verdeling en de uiteindelijke verdeling van individuele prestatiebeoordelingen.
Naast het salaris streven we ernaar competitieve en kostenefficiënte kortetermijn- en langetermijnvoordelen aan te bieden, als onderdeel van de individuele pakketten. De belangrijkste voordelen zijn een pensioenplan, een levensverzekering en een verzekering tegen medische kosten. Afhankelijk van de plaatselijke regels en gewoonten, die aanzienlijk kunnen verschillen van land tot land, kunnen de voordelen ook een bedrijfsauto of aanvullende representatiekosten inhouden.
### Onze prestaties en activiteiten in 2022
In 2022 bleven we als referentieloon voor onze medewerkers een ‘Total Target Cash’-niveau gebruiken dat gemiddeld op het 50ste percentiel van de markt ligt. De onderstaande tabel geeft ook een overzicht van de verhouding gemiddeld salaris/managementniveau tussen mannen en vrouwen in de afgelopen jaren. Wij baseren ons op strikte wettelijke voorschriften om onze managementaanpak te evalueren.De Belgische regering eist namelijk dat er om de twee jaar een verslag over de beloning van mannen en vrouwen wordt ingediend bij de Nationale Arbeidsraad. Dit garandeert dat de gegevens over dit aspect regelmatig door een externe partij worden gecontroleerd. Deze cijfers moeten met de nodige voorzichtigheid worden geïnterpreteerd, aangezien zij geen rekening houden met het aantal jaren ervaring in een bepaalde functie, het land van tewerkstelling of de anciënniteit.
## Gemiddeld salaris/ managementniveau
| Vrouw | Man | Vrouw | Man | Vrouw | Man | Vrouw | Man | Vrouw | Man |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Werknemer | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % |
| Management | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % |
| Middenmanagement | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % |
| Hoger management (Niveau ) | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % |
| Hoger management (Niveaus en ) | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % |
| Totaal | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % |
## Loopbaanbegeleiding, prestatie- en talentmanagement
De processen van loopbaanbegeleiding, prestatie- en talentmanagement zijn de processen die worden toegepast om ervoor te zorgen dat elk individu zich binnen Agfa kan ontplooien en zijn potentieel om te groeien en bij te dragen tot de algemene prestaties van de onderneming optimaal kan benutten. In het bijzonder:
* **Loopbaanbegeleiding** is het faciliteren van de medewerkers in het verkennen van hun interesses, talenten en ervaringen om mogelijke carrièremogelijkheden te identificeren. De focus ligt op loopbaanverandering, persoonlijke ontwikkeling en mogelijke andere loopbaangerelateerde zaken.
* **Prestatiebeheer** is een kader om ervoor te zorgen dat werknemers voortdurend formele en informele feedback krijgen over hun prestaties ten opzichte van een aantal overeengekomen doelstellingen over zowel het ‘wat’ als het ‘hoe’. Het omvat de vaststelling van prestatiedoelstellingen voor de werknemers, die uiteindelijk gericht zijn op de verwezenlijking van de strategie en de doelstellingen van de onderneming.
* **Talentmanagement** gaat over het aantrekken, ontwikkelen, behouden en engageren van de juiste mensen, op alle niveaus van de organisatie. Het omvat het definiëren van de competenties die Agfa nodig heeft en zal hebben om succesvol te groeien en het identificeren van het bestaande potentieel binnen de onderneming.
### 62 focus op onze mensen
#### Relevantie en grenzen
Geschoolde arbeidskrachten en een flexibele organisatie zijn essentieel voor het aanhoudende succes van onze onderneming. Als wij er niet in slagen de talenten op de juiste manier te beheren om aan de huidige en toekomstige behoeften van onze onderneming te voldoen, zou dit onze prestaties belemmeren. Agfa's HR-beleid voorziet daarom in een aantal processen die verband houden met de levenscyclus van werknemers. De loopbaan van een werknemer kan in verschillende fasen worden ingedeeld: aanwerving en introductie, loopbaanontwikkeling en loopbaaneinde. Competentiebeheer, prestatiebeheer, mogelijkheden voor permanente opleiding en ontwikkeling, een eerlijke en concurrerende beloning en constructieve feedback zijn essentiële elementen in elk van deze fasen. Tegenwoordig zullen veel werknemers meer carrièrestappen maken dan traditioneel het geval was. Een job-fitte werknemer is dus noodzakelijk om professioneel inzetbaar te blijven. Daarom zet Agfa zich sterk in om zijn werknemers in al deze fasen te ondersteunen.
#### Onze managementaanpak
##### Loopbaanbegeleiding
Er wordt een interne loopbaancoach aangewezen, die helpt om inzicht te krijgen in de sterktes en zwaktes van de medewerker, in wat belangrijk is voor de medewerker in zijn werk en leven en in toekomstige carrièremogelijkheden die voor ons liggen. Het belangrijkste doel is om medewerkers vertrouwen te geven in zichzelf en in hun professionele toekomst.
##### Prestatiemanagement
Agfa introduceerde in 2018 FeedForward als Performance Management Framework om zich te concentreren op coaching en ontwikkeling in plaats van alleen de prestaties te evalueren. Ons FeedForward-raamwerk biedt begeleidings- en coachingtips voor people managers en hun medewerkers om waardegedreven gesprekken te voeren gericht op de voortgang van doelen, feedback en persoonlijke ontwikkeling. Zo ontstond een flexibelere prestatiecultuur, waarin zowel manager als medewerker een actieve rol spelen door:
* Zinvolle en resultaatgerichte doelstellingen vast te leggen;
* Deze zijn gekoppeld aan de doelstellingen van de onderneming, waardoor een doel en een visie ontstaat over de manier waarop iedereen daaraan bijdraagt;
* Het voortdurend verduidelijken van de verwachtingen en het heroriënteren van de doelstellingen;
* Het geven, vragen en uitwisselen van feedback om de prestaties te verbeteren;
* Het handhaven van een dialoog over ontwikkeling.
De ontwikkeling van werknemers is een integraal onderdeel van prestatiemanagement. De werknemer en de manager moeten persoonlijke ontwikkelingsdoelstellingen vaststellen. Deze ondersteunen de verwezenlijking van kortetermijndoelstellingen en persoonlijke loopbaanverwachtingen op lange termijn. Financiële beloningen voor werknemers zijn deels gebaseerd op de resultaten van het prestatiemanagementproces.
##### Talentmanagement
People managers nemen deel aan het jaarlijkse People Review-proces om proactief kerntalenten binnen de organisatie te identificeren, ontwikkelingsacties te selecteren zoals functie-roulatie, soft skills training voor het jaar te plannen en opvolgings- en loopbaanstappen te plannen. Onze HR Business Partners en HR Managers worden jaarlijks getraind in het uitrollen van de evaluatie en het coachen van people managers tijdens het proces. De resul-
### 63 Agfa-gevAert – jAArverslAg 2022
taten bepalen grotendeels het actieplan voor ontwikkelingsacties en -programma's voor de rest van het kalenderjaar en worden centraal opgevolgd door Talent Development voor elke divisie en voor elk corporate center.
> "Door aan de business case te werken, ontdekte ik dat een team dat toegewijd, creatief en divers is, mooie resultaten kan opleveren, zelfs in uitdagende omstandigheden."
>
> – , onderzoeker & deelnemer Regionaal Talentprogramma 2022
Leiderschapsprogramma's hebben tot doel onze people managers uit te rusten met de vaardigheden die nodig zijn om van teamlid over te gaan naar het leiden van een team. Dit moet hen in staat stellen zich te ontwikkelen tot bekwame people managers die andere leiders coachen en leiderschapsgedrag in heel Agfa stimuleren. Sinds 2022 hebben we een nieuwe benadering van talentmanagement gelanceerd waarbij senior managers gevraagd wordt de sleutelcompetenties voor hun afdeling voor de toekomst te identificeren, een opvolgingsplanning op te stellen voor belangrijke functies binnen de onderneming en een lijst op te stellen van high potentials. Verder worden per regio sleuteltalenten aangeduid, d.w.z. werknemers die het potentieel tonen om rollen met een bredere reikwijdte op zich te nemen en die gewoonlijk op Agfa's opvolgingsbank voor bredere functies zitten. Voor deze sleuteltalenten worden regionale talentprogramma's opgezet die gericht zijn op het verwerven van de vaardigheden, kennis en praktijk in het opbouwen van een concrete business case binnen een traject van negen maanden, dat vervolgens aan de regionale leadershipteams wordt voorgesteld.
> “Zelfontplooiing, een sterk en betrouwbaar netwerk buiten de typische business unit-grenzen, de kans om een businessplan te verdedigen voor de Raad van Bestuur en leden van het hoge management en, in het algemeen, een beter, meer holistisch zakelijk inzicht krijgen in Agfa, waren mijn belangrijkste take-aways.”
>
> – , Site Manager Schrobenhausen & Deelnemer Regionaal Talentprogramma 2022
> “Het programma stimuleerde me om iets nieuws te doen en te leren, uit het dagelijkse zakenleven en de comfortzone te stappen en nieuwe mensen te ontmoeten.”
>
> – , Vericatiemanager & Deelnemer Regionaal Talentprogramma 2022
#### Onze prestaties en activiteiten in 2022
In 2022 bleven we people managers ondersteunen in opnieuw een uitdagend jaar door online en live middelen aan te bieden om teamleden te coachen en te ondersteunen, met de nadruk op empathie, mentaal welzijn en veerkracht. Onze inspanningen leidden tot een exponentiële toename van de toegang tot voorgestelde cursussen. Ook is de nadruk blijven liggen op een geïntegreerde benadering van talentmanagement. Wij hebben regionale talentprogramma's opgezet in het hoofdkantoor, EMEA, NAFTA, ASPAC en LATAM, evenals een New Leaders Track, een specifieke leergemeenschap van 8 tot 12 maanden voor recentelijk of binnenkort te promoveren people managers en we hebben alle deelnemers een 360-feedbackonderzoek aangeboden. Dit instrument wordt gebruikt om inzicht te verschaffen in hoe men in de eigen rol wordt waargenomen, getoetst aan een database van HR-consultants (Hudson), in dit geval voor competenties van junior leiders. Ter ondersteuning van een meer wendbare en bedrijfsgerichte aanpak is het oude model in 2021 vervangen door een nieuw Virtual Development Centre (VDC)-model, gebaseerd op Hudson-competenties. Na voordracht door een lijnmanager of HR Business Partner worden medewerkers via het VDC voorbereid op nieuwe of bredere functies, met een gericht ont-
### 64 focus op onze mensen
wikkelingstraject op basis van uitkomsten. De pool van deelnemers aan VDC's is wereldwijd en wordt centraal beheerd door Talent Development, waardoor het nu mogelijk is om de prestaties van onze medewerkers op een transparantere manier te benchmarken.
#### Opleiding & ontwikkeling
##### Relevantie en grenzen
Voortdurend leren en ontwikkelen zijn essentieel voor individuele en organisatorische groei. Bij Agfa is leren een mentaliteit. De vraag is niet alleen op welke rollen werknemers nu kunnen worden voorbereid, maar ook hoe we het denken kunnen veranderen zodat werknemers klaar en in staat zijn om te slagen in om het even welke toekomstige rollen.# Met dit in gedachten zoekt Agfa voortdurend naar het juiste evenwicht tussen het aantrekken van competenties van buiten de onderneming, het ontwikkelen van interne competenties en het verhogen van de algemene inzetbaarheid van de werknemers door succesvolle loopbaanovergangen en mobiliteit aan te moedigen. Leren en ontwikkelen is de natuurlijke hefboom om de inzetbaarheid van onze werknemers te vergroten. Elke werknemer moet daarom zijn unieke capaciteiten en vaardigheden verder kunnen ontwikkelen of nieuwe en geavanceerde vaardigheden en kennis kunnen verwerven.
## Onze managementaanpak
Verschillende rollen vereisen verschillende vaardigheden en Agfa wil zijn werknemers uitrusten met flexibele vaardigheden die succes in een dynamische en complexe omgeving bevorderen. Daarom bieden we een brede waaier van interne, externe en webgebaseerde leer- en ontwikkelingsinstrumenten aan in technische, zakelijke en zachte vaardigheden. Voorbeelden van dergelijke soft skills-trainingen zijn sales excellence-programma's, die een klantgerichte aanpak van zakendoen bevorderen via workshops over methodologie, evenals begeleiding om de kwaliteit van bezoeken aan klanten te verbeteren. De basis voor de definitie van leer- en ontwikkelingstrajecten, de criteria om in aanmerking te komen en de verantwoordelijkheid voor zowel managers als werknemers, zijn vastgelegd in het wereldwijde leer- en ontwikkelingsbeleid. Dit beleid wordt aangevuld met lokale en divisieprogramma's die zijn afgestemd op de behoeften van onze teams. Ontwikkelingsplannen van medewerkers worden afgestemd op competentiemanagement en geïntegreerd in het FeedForward-framework. Het Agfa Talent Development-team gebruikt de ADDIE-aanpak voor opleiding, wat staat voor de vijf fases van een ontwikkelingsproces: analyse (Analysis), ontwerp (Design), ontwikkeling (Development), implementatie (Implementation) en evaluatie (Evaluation). Voor het ADDIE-model is het belangrijk dat elke fase in de gegeven volgorde wordt doorlopen, maar met een focus op reflectie en herhaling. Het model biedt een gestroomlijnde, gefocuste aanpak waarin feedback wordt geboden voor doorlopende verbetering.
### Onze indicatoren
1. Gemiddeld aantal uren leren per werknemer per jaar op online platformen
## Onze prestaties en activiteiten in 2022
Opleiding en ontwikkeling zijn essentieel om de doelen op alle gebieden van de duurzaamheidsdoelstellingen van de organisatie te ondersteunen en elk nieuw project moet altijd worden ondersteund door adequate opleiding. Sinds de COVID-19-pandemie werden nieuwe manieren om met onze werknemers in contact te komen bevorderd of gecreëerd om de
### Verdeling van gebruikers van online leerplatforms
| Categorie | Percentage |
|---|---|
| Vrouwelijk | 26% |
| Mannelijk | 74% |
| Executive Managers | 1,3% |
| Managers | 46,2% |
| Werknemers | 52,4% |
ervaring van de werknemers te verrijken, zoals leernetwerken om mensen meer met elkaar in contact te brengen. Bijgevolg werden onze coachingtools en -instrumenten steeds meer gedigitaliseerd en op grote schaal aan de werknemers voorgesteld via het bedrijfsintranet en online leerplatformen zoals ALP (Agfa Learning Platform), Percipio & SuccessFactors. De uniformisering van het platform is een lopend project. Het zal een volledige set automatisch opgehaalde gegevens voor toekomstige rapportages mogelijk maken. Dankzij op de verantwoordelijkheid van de leerling gebaseerd digitaal leren en een 'leer-overal -altijd'-aanpak zagen we de afgelopen jaren een algemene stijging in de opname van gegitaliseerde leerinhoud. In 2022 combineerden we digitaal leren ook graag opnieuw met face-to-face-trainingen en breidden we ons leeraanbod uit om medewerkers en managers te ontwikkelen in de nieuwe manier van werken op afstand met bijvoorbeeld de modules 'Productief werken van huis' en 'Leiderschap op afstand'. In 2022 gebruikte gemiddeld 63% van de Agfa-medewerkers een van de digitale leerplatforms. Deze mensen besteedden bijna 17 uur aan online leren.
## Ons engagement voor de toekomst ten aanzien van Welzijn van werknemers, Menselijk kapitaal en Opleiding & Ontwikkeling
Bij Agfa zetten wij ons ervoor in om een zorgzame, inspirerende en inclusieve werkomgeving te creëren, met gelijke kansen om te gedijen en te groeien. Om dit te vertalen naar praktische en meetbare prestatie-indicatoren ontwikkelden we een duurzaamheidsstrategie en zijn we gestart met het vastleggen van doelstellingen voor de onderneming. De ambitie van onze strategie en de reikwijdte van de doelstellingen zullen in de komende jaren zeker toenemen. Wij zijn begonnen met het vastleggen van specifieke doelstellingen inzake gendergelijkheid tegen 2025. Om die te bereiken, zullen we ons blijven richten op het versterken of creëren van specifieke acties rond mentorschap voor vrouwen, het aanpassen van ons aanwervingsbeleid en het aangaan van partnerschappen die vrouwen op het werk sterker kunnen maken. Dit wereldwijde engagement zal worden ondersteund door de recente oprichting van onze Global DEI Council en de EGO Employee Resource Group, die zeker zullen helpen bij het definiëren van concrete regionale en divisiegebonden doelstellingen en initiatieven. We zetten ons ook sterk in voor de ontwikkeling van onze mensen, in overeenstemming met SDG 4 'Kwaliteitsonderwijs', een van de belangrijkste SDG's voor Agfa. Daartoe benchmarken we jaarlijks de belangrijkste succesfactoren voor opleiding en ontwikkeling om onze mensen de vaardigheden te geven om te slagen in de toekomstige digitale werkwereld. We willen het aantal online voltooide ontwikkelingstrajecten verhogen en blijven inspelen op de leerbehoeften van onze mensen en de onderneming. In 2023 zullen de Talent-programma's worden voortgezet, waarschijnlijk zonder regionale focus, om diversiteit en culturele discussies te bevorderen.
### Gebieden online training
| Gebied | Percentage |
|---|---|
| Gedrag & Businessvaardigheden | 21% |
| IT- & Ontwikkelingvaardigheden | 4% |
| Processen & Beleid | 16% |
| Producten & Oplossingen | 56% |
| Tools & Software | 2% |
## Werk-privébalans
### Relevantie en grenzen
Agfa streeft voor zijn medewerkers naar een evenwichtige balans tussen werk en privé-leven. Deze balans houdt veel meer in dan de verhouding tussen werkuren en privétijd. Hoe graag iemand zijn/haar job doet – en hoeveel voldoening men eruit haalt – is minstens zo belangrijk. Ook het feit dat heel wat overheden de pensioenleeftijd recent hebben opgetrokken heeft een ingrijpende invloed op het welbevinden van de medewerkers. Wij zijn ervan overtuigd dat mensen met een goede balans tussen werk en privé minder vaak ziek zijn, minder stress hebben en zich meer betrokken voelen. Het is ook belangrijk om te erkennen dat de goede balans voor iedereen anders kan zijn en dat de noden kunnen veranderen met de jaren.
### Onze managementaanpak
Agfa heeft een serie maatregelen ingesteld die zijn bedoeld om te streven naar de best mogelijke balans tussen werk en privéleven:
* Flexibele arbeidstijden indien mogelijk;
* Mogelijkheden voor parttime werken;
* Hybride werken;
* Thematische verloven, zoals ouderschapsverlof.
Agfa voert bewustmakingscampagnes die mensen ertoe aanzetten om gezonder en bewuster te werken en te leven. Een hoeksteen hiervan is het Huis van Werkvermogen-model van de Finse professor Ilmarinen, waarbij veel aandacht wordt gegeven aan het evenwicht tussen werk en privéleven en tal van maatregelen genomen worden die het realiseren van dit evenwicht ondersteunen. In het kader van het Huis van Werkvermogen worden jaarlijks minimaal drie informatiesessies georganiseerd waarin thema's met betrekking tot welzijn op het werk, zoals bijvoorbeeld stressmanagement, worden toegelicht.
### Onze prestaties en activiteiten in 2022
Dit jaar zijn we, net als de voorgaande jaren, blijven werken aan ons vermogen om ons om te vormen tot een organisatie die op afstand en hybride werkt. Nieuwe collega's die onze teams op afstand komen versterken en nieuwe manieren om met onze belanghebbenden om te gaan, worden onderdeel van deze nieuwe standaard. Hoewel thuiswerken voor een deel van onze werknemers al mogelijk was vóór de COVID-19- pandemie, is onze aanpak sindsdien gestructureerder geworden. We creëerden algemene Agfa-richtlijnen rond hybride werken om het kader aan te reiken voor geschiktheid, planning, afspraken en verwachtingen. Een hybride model omvat een vernieuwde reeks belangrijke kenmerken en gedragingen die van zowel managers als werknemers worden verwacht om succesvol te zijn. Daarom bleven we bijzondere nadruk leggen op de ontwikkeling van deze vaardigheden via online training (meer details in het volgende deel).
## Relevantie en grenzen
Bij Agfa beschouwen we het respect voor de mensenrechten als morele plicht om als onderneming onze werkzaamheden te kunnen uitvoeren. Bovendien geloven wij dat iedereen recht heeft om behandeld te worden met respect, zorg en waardigheid. Daarom leeft Agfa alle bindende wettelijke bepalingen na die van toepassing zijn op onze marktsegmenten in alle locaties en houden wij ons aan de algemene bepalingen van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Vanuit deze gedachte respecteert Agfa tevens het recht van zijn medewerkers om zichzelf te verenigen in vakbonden en andere organisaties die de rechten van werknemers in hun relatie met Agfa als werkgever behartigen. Ook verwachten wij van onze leveranciers dat zij dezelfde standaarden handhaven en eenzelfde niveau van engagement hanteren als waar wij onszelf toe verbinden.
### Onze managementaanpak
#### De Gedragscode voor medewerkers van Agfa (Code of Conduct – CoC)
In overeenstemming met de Gedragscode van de Groep wordt van alle medewerkers van Agfa verwacht dat zij hun werk doen in overeenstemming met de hoogste standaarden op het gebied van ethisch gedrag en integriteit en dat zij alle toepasselijke wetgeving van elke jurisdictie waarin de onderneming zaken doet volledig naleven.# Naast het gedrag dat van medewerkers van Agfa wordt verwacht, zijn de managementprocessen van Agfa zodanig ontworpen dat medewerkers worden geselecteerd, aangenomen, toegewezen, opgeleid, gepromoveerd, overgedragen, ontslagen en vergoed op basis van hun bekwaamheden en kwaliteiten zonder discriminatie ingevolge ras, huidskleur, religie, politieke overtuiging, geslacht, leeftijd of nationaliteit. Voorts verbiedt de Gedragscode:
* Discriminatie van een gekwalificeerde werknemer of sollicitant omwille van een fysieke of mentale handicap of van zijn of haar status als invalide;
* Om een job of promotie toe te kennen of te weigeren omwille van het leveren of weigeren van seksuele gunsten;
* Om zich schuldig te maken aan ongewenste intimiteiten.
De eerbiediging van deze rechten en van de eigenheden van elke werknemer, garandeert een werkomgeving waarin iedereen wordt gerespecteerd. Adviseurs en contracterende partijen die met het bedrijf samenwerken, zijn ook verplicht zich aan deze Gedragscode te houden. Naast de strikte toepassing van de Gedragscode wordt een formeel systeem ingesteld ter ondersteuning van werknemers die problemen zoals pesterijen, discriminatie of belangenconflicten willen melden. Agfa’s medewerkers kunnen te allen tijde een vraag of klacht indienen via e-mail, telefoon of brief bij hun directe leidinggevende of bij het Group Compliance Office. Klachten en vragen worden op een systematische en vertrouwelijke manier behandeld door het Group Compliance Office; gespecialiseerde en onafhankelijke contactpersonen kunnen worden aangesteld voor specifieke onderwerpen die onder de code vallen, overeenkomstig de plaatselijke regelgeving, bijvoorbeeld een contactpersoon binnen HR voor specifieke HR-gerelateerde aangelegenheden.
## 2. Respect voor de mensenrechten
### Vrijheid van vereniging en collectieve onderhandelingsovereenkomsten
In elk land waar het actief is, treedt Agfa in dialoog met de vertegenwoordigers van de werknemers. In de meeste landen nemen ondernemingsraden de vertegenwoordiging van de werknemers op zich. Op Europees niveau is er een Europese Ondernemingsraad. Deze wordt geleid door een lid van ons Management Committee. De ondernemingsraad bestaat uit vertegenwoordigers van de verschillende divisies in Europa en uit vakbondsvertegenwoordigers uit verschillende landen en divisies. Deze ondernemingsraad komt ten minste tweemaal per jaar bijeen om te worden geïnformeerd over de voortgang van de verschillende zakelijke activiteiten en over de verschillende divisies. Voor sommige categorieën van werknemers, en afhankelijk van de lokale wetgeving, zijn er op nationaal niveau ook enkele collectieve onderhandelingsovereenkomsten ingesteld. Alle bestaande collectieve overeenkomsten zijn beschikbaar voor alle medewerkers via de betreffende platformen voor intern delen, bijv. het intranet, of op verzoek bij HR.
### Supply Chain
Als organisatie maken we deel uit van een ecosysteem waarin leveranciers essentieel zijn om onze eigen producten en diensten op de markt te brengen. Naast de risico's in verband met het waarborgen van de continuïteit van de onderneming (grondstoffen zie p. 26-28; waardeketen zie p. 48-49), betekent het hebben van nauwe relaties met leveranciers dat hun prestaties van invloed zijn op de onze, en dat hun reputatie van invloed kan zijn op die van onze onderneming. Daarom verwachten we dat onze leveranciers zich aan dezelfde duurzaamheidsnormen houden als wij. De Gedragscode voor Leveranciers is beschikbaar op de website van de onderneming en bevat eisen op het gebied van de naleving van de wetten van de toepasselijke rechtssystemen. Ze bepaalt de noodzaak van het handhaven van de nalevingssystemen en van het vermogen van de leveranciers om aan te tonen dat zij de wetten en de gangbare vormen van eerlijkheid en menselijk fatsoen op een bevredigende manier naleven. De behandelde gebieden zijn:
* Verbod op corruptie & omkoping;
* Geen oneerlijke bedrijfspraktijken;
* Anti-discriminatie;
* Geen harde of onmenselijke behandeling;
* Vrijelijk gekozen werk en verbod op kinderarbeid;
* Vrijheid van vereniging en collectieve onderhandelingen;
* Eerlijke werktijden, eerlijke lonen en voordelen;
* Gezondheid en veiligheid van de werknemers;
* Milieubescherming;
* Beveiliging van de bevoorradingsketen (AEO en CT-PAT).
De Gedragscode voor Leveranciers is een verplicht onderdeel van onze belangrijkste leverancierscontracten. Indien er geen specifiek contract met Agfa bestaat, zijn onze Algemene Inkoopvoorwaarden van toepassing zoals vermeld op al onze aankooporders. De naleving van de Gedragscode voor Leveranciers maakt deel uit van onze Algemene Inkoopvoorwaarden. De Agfa Purchasing Department zorgt ervoor dat de leveranciers de Gedragscode ondertekenen en naleven. Deze aspecten komen regelmatig aan bod bij de kwalificatieaudits en beoordelingen van leveranciers. Zowel onze Gedragscode voor Leveranciers als onze Algemene Inkoopvoorwaarden zijn publiek beschikbaar op onze website.
### Onze prestaties in 2022 en ons engagement voor de toekomst
De Agfa Gedragscode wordt volledig onderschreven en naleving ervan is vereist voor alle werknemers. In 2022 werd geen enkele klacht gemeld via de klokkenluidersprocedure voor een vermeende schending van de Agfa Gedragscode met betrekking tot mensenrechten. Hoewel de sectoren en regio's waarin Agfa actief is en de hooggeschoolde profielen die vereist zijn om deze activiteiten uit te voeren, ons behoeden voor een hoog risico op kinderarbeid, garandeert de opvolging van ons personeelsbestand door onze personeelsafdeling dat er geen Agfa-werknemers zijn die kunnen worden geassocieerd met kinderarbeid, hetzij omdat ze te jong zijn om te werken, hetzij omdat ze betrokken zijn bij gevaarlijke activiteiten die hun fysieke, mentale, sociale of educatieve ontwikkeling in gevaar kunnen brengen. In 2022 voldeed Agfa voor al zijn werknemers aan de nodige lokale arbeidsreglementeringen in de landen waar het actief is. Waar nodig werden (zowel nationale als internationale) werknemersraden georganiseerd. Om het risico te beperken dat grondstoffen, goederen of diensten worden betrokken van leveranciers die de mensenrechten van hun werknemers mogelijk niet respecteren, bevatte 100% van de nieuwe contracten die in 2022 met sleutel- en kernleveranciers werden ondertekend, de Gedragscode voor Leveranciers (dit was ook het geval in 2020 en 2021) als bijlage. In 2022 werd een extra clausule toegevoegd aan ons standaard leveringscontract om te benadrukken dat wij eisen dat leveranciers zich houden aan ethische en verantwoordelijke gedragsnormen, met inbegrip van maar niet beperkt tot die welke betrekking hebben op mensenrechten, aankoop van conflictmineralen, milieubescherming, duurzame ontwikkeling, omkoping en corruptie. Dit wordt ook opgevolgd bij bezoeken aan onze leveranciers ter plaatse. Respect voor de mensenrechten en gelijke kansen zal ook in de toekomst een van de belangrijkste pijlers zijn voor ons werk, onze partnerschappen en de prioriteiten van onze ondernemingsstrategie.
## 3. Gezondheid & Veiligheid
### Relevantie en grenzen
De gezondheid en veiligheid van onze werknemers zijn voor ons van het grootste belang en onveilig gedrag wordt onmiddellijk aangepakt. Wij beschouwen het als een morele verplichting om iedereen werkomstandigheden te bieden die de veiligheid te allen tijde waarborgen. Bovendien verwachten wij dat alle medewerkers zich verantwoordelijk voelen voor hun eigen veiligheid en die van hun collega's en gasten. Ook bezoekers, aannemers en leveranciers vallen onder onze veiligheidsbepalingen, aangezien veilig werken een absolute voorwaarde is om bij en met Agfa te mogen werken. Wij beschouwen Gezondheid vanuit een holistisch oogpunt, met aandacht voor alle aspecten ervan, zowel fysiek als mentaal. Dit omvat arbeidsomstandigheden, ergonomie, preventie van ziekte en burn-out en bevordering van gezond gedrag, om er maar een paar te noemen.
### Onze managementaanpak
De activiteiten op het gebied van gezondheids- en veiligheidsbeheer zijn gebaseerd op ons SH&E-beleid (Safety, Health and Environment - Veiligheid, Gezondheid en Milieu). Elke divisie benoemt een SH&E-manager die bijdraagt aan de invoering en evaluatie van het beleid en de doelstellingen en die lid is van het Corporate SH&E Management Committee. Het SH&E Management Committee herbekijkt ten minste elke drie jaar het corporate beleid, de organisatie, het managementsysteem en de doelstellingen. Het SH&E Management Committe volgt ook de voortdurende ontwikkeling van de wetgeving inzake gezondheid en veiligheid in de landen waar wij aanwezig zijn. Het lokale management van onze vestigingen is verantwoordelijk voor de implementatie van het Corporate SH&E-beleid en het naleven van de lokale wet- en regelgeving die van toepassing is op het functioneren van de productielocatie zelf, onder coördinatie van de S&H-coördinator van de fabriek. Voor het waarborgen van de hoogste S&H-normen hebben we voor elke vestiging een eigen beleid met inbegrip van contractors en subcontractors indien dit relevant is. De focus van de verschillende beleidslijnen wordt op lokaal niveau bepaald, zowel op basis van de specifieke lokale en nationale wettelijke vereisten als op het type activiteiten dat binnen elke fabriek wordt uitgevoerd. Een volledige naleving van dergelijke standaarden begint met ‘zachte’ maatregelen teneinde een hoog niveau van veiligheidsbewustzijn te waarborgen vanaf het eerste moment dat iemand ons terrein betreedt, bijv. gebruiksvriendelijke richtlijnen die voor iedereen gemakkelijk op te volgen zijn. Vervolgens hebben we strikte protocollen en controlemechanismen om preventie van arbeidsongevallen en arbeidsgerelateerd letsel te waarborgen, evenals een goede zorg in die gevallen dat deze wel optreden.# Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
Aankelijk van de specieke activiteiten binnen elke Agfa-fabriek waarborgen we ook adequate monitoring en preventie van poten- tiële blootstelling van medewerkers en bezoekers aan chemicaliën. Het lokale beleid van Agfa wordt aan alle medewerkers ter beschikking gesteld in de lokale taal (talen) en er zijn lokale trainingsprogramma’s beschikbaar.
## Gezondheid en veiligheid
Naast het specieke beleid van Agfa hebben de Braziliaanse vestiging in Suzano, de Duitse in Wiesbaden en de Chinese in Wuxi (Printing) het OHSAS 18001-certicaat. Observatierondgangen op de werkvloer zijn het belangrijkste instrument voor het nauw- gezet onderzoeken van werkzaamheden en omgeving om onveilige situaties en omstan- digheden op te sporen. Het adequaat rapporteren van voorvallen is essentieel om adequate opvolging te waarborgen en, waar nodig, ongevallen bij de autoriteiten te melden, conform nationale en lokale wetgeving. Van elk gerapporteerd incident, bijna-ongeval en ongeval wordt de oorzaak onderzocht, zodat de meest aanbevolen maatregelen kunnen worden ge- implementeerd. Belangrijke zaken worden onmiddellijk gecommuniceerd aan alle vestigin- gen als een SH&E-alarm en -leerpunt.
Als onderdeel van de S&H-maatregelen werken wij ook aan die aspecten van de gezondheid van mensen die door de werkomstandigheden kunnen worden beïnvloed. Bijvoorbeeld door het geven van opleiding over de juiste inrichting van de werkruimte met het oog op ergonomie, advies over hoe men actief kan blijven en een gezonde levensstijl kan hebben of medische controles in sommige van onze fabrieken.
### Mentale gezondheid
Mentale gezondheid is ook essentieel voor het waarborgen van de gezondheid van onze medewerkers. Vanuit deze visie worden activiteiten voor het monitoren en aanpakken van eventuele zorgen bepaald op lokaal niveau, aankelijk van de ondersteuning van de lokale overheden voor dergelijke programma’s en de specieke aard van de potentiële bedreigin- gen, die verschillen op basis van de in de vestigingen uitgevoerde werkzaamheden.
Voor onze vestigingen in België voeren we elke vijf jaar een enquête uit waarmee we het mentale welzijn van onze medewerkers kunnen volgen. Deze enquête helpt ons om inzicht te krijgen in hun beeld van werkomstandigheden, communicatie en alle andere aspecten die stresssituaties kunnen veroorzaken. Op basis van deze enquête bepalen we de specieke acties die we gaan inzetten om de blootgelegde verbeterpunten aan te pakken. Naast het delen van een lijst met nuttige lokale informatiebronnen voor werknemers, zijn aan de werknemers specieke opleidingen op het gebied van geestelijke gezondheid voor- gesteld, zoals zelfzorg, stresspreventie en verandermanagement.
### Onze doelstelling(en)
Met de visie om tot nul ongevallen te komen, hebben wij ons ten doel gesteld om het aantal ongevallen met meer dan één verloren dag tegen 2025 met 50% te verminderen (ten opzich- te van de uitgangssituatie in 2019).
Onze indicatoren:
1. Aantal ongevallen met minimum één verloren werkdag
2. Frequentiegraad (Fg) van ongevallen met minimum één verloren werkdag
* Frequentiegraad = (Aantal ongevallen/Gepresteerde uren) * 1.000.000
3. Frequentiegraad (Fg) van rapporteerbare ongevallen voor Agfa-medewerkers
* Frequentiegraad = (Aantal ongevallen/Gepresteerde uren) * 1.000.000
4. Ernstgraad van ongevallen met minimum één verloren werkdag
* Ernstgraad = (Aantal verloren werkdagen/Gepresteerde uren) * 1.000
#### Toepassingsgebied van deze indicatoren:
Tot 2021 hadden de gerapporteerde kwantita- tieve gegevens uitsluitend betrekking op de productieactiviteiten. Na de recente overname van Inca is de productievestiging in Cambridge (VK) vanaf 2022 in de rapportage opgenomen. Om een beter overzicht te krijgen, hebben wij bovendien besloten om ook onze focus op onze mensen Amerikaanse organisaties in Elmwood, Wilmington, Carlstadt, Greenville en Waterloo, die verantwoordelijk zijn voor dienstverlenende activiteiten buiten de locatie, in de rapportage op te nemen.
Rapporteerbare ongevallen zijn per denitie ongevallen die volgens de nationale en/of lo- kale wetgeving aan de autoriteiten moeten worden gemeld. De rapportagevereisten kunnen enorm verschillen in verschillende landen waar Agfa werkzaam is. Daarom is er geen alge- mene denitie van een ‘rapporteerbaar’ ongeval. Daarom hebben we besloten om naar de frequentie van deze ongevallen te verwijzen en een algemene denitie te gebruiken om zo een coherente indicator te creëren.
### Onze prestaties en activiteiten in 2022
In 2022 lag de nadruk op het verder verhogen van de veiligheid op alle niveaus van onze activitei- ten. De veiligheid van onze mensen blijft onze eerste prioriteit en we bleven alle noodzakelijke veiligheidsmaatregelen en aanpassingen van onze manier van werken doorvoeren. Daarnaast hebben we ook gewerkt aan de verbetering van de gezondheid en veiligheid voor iedereen:
* We zijn de oorzaken van de ongevallen in al onze productiesites blijven analyseren om van de sites met de minste ongevallen te leren welke maatregelen de meeste impact hebben.
* De 6-S-methodologie (Sort, Set in Order, Shine en Inspect, Standardize, Sustain, Safety) is nu ingevoerd in bijna 80% van onze labs en magazijnen in België als onderdeel van onze twee pilootprojecten in Mortsel. Dit werd gecreëerd naar het voorbeeld van de site in Mississauga (Canada). Het 6-S-proces is een afgeslankte aanpak van het ruimtebeheer dat helpt om een veilige en eciënte werkplek te creëren en werk met een maximale toege- voegde waarde mogelijk maakt.
* We gingen door met het uitrollen van het ‘Brain Based Safety’-initiatief voor onze on- derhouds- en serviceteams in Mortsel, dat historisch gezien een van de sites was met een hoog aantal ongevallen. Het initiatief is gebaseerd op neurowetenschappen om coaching te bieden die het menselijk gedrag als hoofdoorzaak van werkgerelateerde ongevallen aanpakt. In 2022 begonnen 10 middenmanagers de individuele training als onderdeel van het Safety Leadership Programme.
* We hebben gewerkt aan de wereldwijde harmonisering van de rapportage van incidenten om ervoor te zorgen dat we altijd alle gegevens bij de hand hebben om passende corrige- rende maatregelen uit te voeren.
* Wij hebben een nieuw proces voor de melding van ongevallen ingevoerd om deze voor- vallen zichtbaarder te maken voor het management en het onderzoek en de follow-up van ongevallen te verbeteren.
* We verhoogden de algemene communicatie om te werken aan ongevallenpreventie door het bewustzijn te verhogen over de Essential Safety Rules at Agfa (ESRA), bv. via onze nieuwsbrieven en interne communicatiekanalen en over potentieel gevaarlijke situaties, bv. door middel van een LMRA (Last-Minute Risk Assessment).
Helaas is onze inspanning nog niet vertaald in een volledig positief resultaat voor 2022: hoewel de ernstgraad van ongevallen met meer dan één verloren werkdag is gedaald, is de frequen- tiegraad van rapporteerbare ongevallen bijna verdubbeld ten opzich- te van het jaar daarvoor en is de frequentiegraad van ongevallen met minimaal één verloren werkdag gestegen door de registratie van meer ongevallen (35 in 2022). Deze hogere cijfers zijn het gevolg van diverse fac- toren, zoals de toevoeging van nieuwe locaties en met name die in de VS, waar de wetgeving met betrekking tot "rapporteerbare" ongevallen gemiddeld strenger is dan in andere landen. Bijzonder lange herstelperiodes voor sommige ongevallen in combinatie met een lager totaal aantal gewerkte uren speelden een belangrijke rol in dit resultaat. Veiligheid blijft deel uitmaken van onze bedrijfscultuur. Gezien alle bovenstaande overwegin- gen en gegevens is de algemene trend op lange termijn nog steeds dalend.
Onze ambitie om het aantal ongevallen met minimaal één verloren werkdag tegen 2025 te halveren blijft actueler dan ooit, aangezien op alle locaties programma's lopen en zullen blijven lopen om het aantal ongevallen verder terug te dringen. Het plannen en uitvoeren van observatierondes blijven belangrijke instrumenten om potentieel onveilige situaties op te sporen en ongevallen en verwondingen te voorkomen. De bevindingen van ongevallen- onderzoeken worden nog steeds tussen de vestigingen uitgewisseld om te proteren van de ervaring van de vestigingen die ‘nul’ ongevallen met werkverlet hebben bereikt en waarvan sommige dit al verscheidene jaren op rij doen. Dit is bijvoorbeeld het geval in de Suzano-fa- briek in Brazilië, waar na veel inspanningen een mooie mijlpaal werd bereikt: 1.000.000 gewerkte uren zonder ongeval!
Eind 2022 werd op verzoek van het Executive Management een bijkomende task force opge- richt om een globaal actieplan op te stellen en uit te rollen om het aantal ongevallen verder te verminderen.
### Ons engagement voor de toekomst
Wij zullen blijven investeren in een hoog niveau van bewustzijn en ons richten op preven- tieve maatregelen die fysieke of psychologische schade aan onze mensen voorkomen. Om onze doelstelling te bereiken om het aantal ongevallen met minimaal één verloren werkdag te verminderen, zullen wij de veiligheidsprogramma's en de voorlichting op loca- ties met het hoogste aantal ongevallen blijven versterken. Het eect van de invoering van het 6-S-programma in Mortsel zal verder worden gemo- nitord en, indien het er in slaagt het aantal gevaarlijke of potentieel gevaarlijke situaties te verminderen, worden uitgebreid tot bijkomende afdelingen naast de pilootafdelingen.```markdown
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | 2021 | 2022
------- | -------- | -------- | -------- | -------- | -------- | -------- | -------- | -------- | --------
Frequentiegraad (Fg) van ongevallen met minimum één verloren werkdag | 5,76 | 5,65 | 4,64 | 5,85 | 5,28 | 4,35 | 3,51 | 5,02 | 5,35 | 5,14
Frequentiegraad (Fg) van rapporteerbare ongevallen voor Agfa-medewerkers | 0,144 | 0,147 | 0,092 | 0,139 | 0,131 | 0,096 | 0,079 | 0,145 | 0,104 | 0,118
Ernstgraad van ongevallen met minimum één verloren werkdag | 48 | 49 | 52 | 42 | 34 | 38 | 22 | 30 | 35 | 39
Overzicht ongevallen | 3,21 | 2,88 | 1,66 | 1,83 | 1,89 | 1,15 | 2,40 | 1,17 | 2,29 | 2,03
| 74 | | | | | | | | | |
| focus op onze mensen | 75 |
Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
’ -: 704 actieve patentfamilies & 2.634 actieve patentrechten
We investeren 5,4% van de omzet in O&O
2022 Innovation Award van essenscia voor Agfa’s Zirfon-membraantechnologie voor de productie van groene waterstof
76 Focus op duurzame prestaties
Onze ambitie
Agfa streeft ernaar zijn klanten succesvol te maken en hun partner bij uitstek te zijn voor de lange termijn, zowel voor beeldvormings- en informatiesystemen als voor andere partnerschappen die gericht zijn op duurzame innovatie. Wij doen dit door vooruitstrevende technologie, betaalbare oplossingen en innovatieve werkwijzen aan te bieden op basis van ons diepgaand inzicht in de ondernemingsnoden en de individuele behoeften van onze klanten. Om hierin te slagen zijn investeringen in innovatie en het leveren van oplossingen van topkwaliteit essentieel. Verantwoor- delijk, duurzaam en transparant handelen is net zo belangrijk.
Ons beleid
Onze waarden worden weerspiegeld in de Gedragscode van de Groep. Ter onder- steuning van de vertaling van de Gedragscode in duidelijke dagelijkse processen maken wij gebruik van een reeks beleidslijnen en bedrijfsrichtlijnen, zowel op mondiaal als op lokaal niveau. Naast het Globale Duurzaamheidsbeleid dat in 2022 werd ingevoerd, zijn dit enkele voorbeelden van de beleidslijnen waarop wij ons baseren voor de onderwerpen die in dit hoofdstuk worden behandeld (niet in volg- orde van prioriteit):
* Bedrijfsbeleid inzake Veiligheid, Gezondheid en Milieu,
* Beleid inzake het gebruik van chemische stoen met kankerverwekkende, mutagene en reprotoxische (CMR) eigenschappen,
* Beleid inzake Globale Informatiebeveiliging en Privacy.
77
Managementsystemen voor milieu, veiligheid, energie en kwaliteit
VSA
Bushy Park
Carlstadt
Greenville
Brazilië
Suzano
Canada
Mississauga
Waterloo
Italië
Manerbio
Milaan
Frankrijk
Rueil Malmaison
Nederland
Rijswijk
VK
Uxbridge
Cambridge
Leeds
Denemarken
Kopenhagen
België
Mortsel HQ
Westerlo
Gent
Wilrijk
Zwitserland
Dübendorf
Onze certificaten
Spanje
Barcelona
Portugal
Paço de Arcos
78
Zweden
Kista
Polen
Warschau
Australië
Scoresby
China
Wuxi Imaging
Wuxi Printing
Shanghai
Duitsland
München
Peissenberg
Peiting
Schrobenhausen
Wiesbaden
Düsseldorf
Oostenrijk
Wenen
Productie
O&O
Verkooporganisatie
ISO 9001 Quality
ISO 13485 Medical Devices
ISO 14001 Environment
ISO 50001 Energy
ISO 27001 Information Security
ISO 20000-1 Information technology
ISO45001 Occupational health and safety
OHSAS Occupational Health and Safety Assessment Series
Griekenland
Athene
79
2022 in een oogopslag
In 2022 hebben we verder gewerkt aan de omzetting van de bedrijfsdoelstellingen in concre- te acties. De belangrijkste focuspunten met betrekking tot onze prestaties waren:
* Bevestiging van het gebruik van onze interne methodologie om het duurzaamheids- profiel van onze producten in de R&D-ontwerpfase te beoordelen in vergelijking met hun vorige versies op de markt en geen terugval in duurzaamheid veroorzaken voor producten van de volgende generatie voor alle nieuwe speci- fieke productroadmaps die dit jaar werden gelanceerd.
* Blijven voldoen aan de strengste normen en dit jaar met name de CE-certi- ficering van de verordening betreffende medische hulpmiddelen voor al onze activiteiten in de ge- zondheidszorg. Het succes van het behalen van de MDR-certi- ficering kan niet overschat worden, aangezien de MDR niet alleen nieuw was voor Agfa, maar ook voor de hele industrie van medische apparatuur en de controlerende instanties.
* Samenwerking en open innovatie aanwenden om de verkenning en validering van ideeën in nieuwe toepassingen of onbekende markten te versnellen, maar ook om een lerende mentaliteit binnen de organisatie aan te moedigen.
80
Wij nemen de volledige verantwoordelijkheid voor onze producten en kijken daarbij kri- tisch naar de gevolgen voor veiligheid, gezondheid en milieu, alsmede naar de wettelijke voorschriften, in elk stadium van de levenscyclus van het product. Daartoe passen we een driestappenbenadering toe:
1. Een sterk productbeheer en een sterke kwaliteitsborging.
3. Betrokkenheid in de volledige waardeketen.
2. Onderzoek en innovatie om nieuwe duurzame oplossingen te ontwikkelen.
In deze visie zijn de principes van Agfa’s bedrijfsveiligheids-, gezondheids- en veiligheids- beleid:
* Uitgebreide milieubescherming en arbeidsveiligheid krijgen dezelfde prioriteit als klant- gerichtheid, hoge productkwaliteit en commerciële efficiëntie;
* Producten en processen worden ontworpen, ontwikkeld en geproduceerd om de impact op het milieu en de risico's voor veiligheid en gezondheid op het werk in alle fasen van de levenscyclus te minimaliseren;
* Agfa adviseert zijn klanten, zijn werknemers en de autoriteiten met een evaluatie van zijn producten en productieprocessen in alle aangelegenheden met betrekking tot gezond- heid, veiligheid en milieu;
* Agfa informeert zijn stakeholders jaarlijks over zijn prestaties op het vlak van veiligheid, gezondheid en milieu door middel van een duurzaamheidsverslag dat geïntegreerd is in het jaarverslag van de Groep.
Relevantie en grenzen
Wij geloven dat duurzame bedrijfsoplossingen en productie essentieel zijn om onze groei- strategie te verwezenlijken. Daarom beschouwen wij duurzaamheid als een beslissingsfac- tor in onze go to market-strategieën. Sinds 2020 formaliseren wij dit engagement door voor nieuwe producten de doelstelling 'no sustainability throwback' te definiëren. Eenvoudig ge- zegd willen we nieuwe producten alleen op de markt brengen nadat we al in de ontwerpfase een volledige beoordeling van hun duurzaamheidsprofiel hebben uitgevoerd, bovenop de beoordeling van het potentiële marktsucces. Bij die beoordeling moet het effect van nieuwe oplossingen gedurende de hele levenscyclus in aanmerking worden genomen, zowel wat
1. Duurzame bedrijfsoplossingen en productie
81
Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
onze eigen ecologische en sociale voetafdruk betreft, als om ervoor te zorgen dat nieuwe oplossingen onze klanten kunnen helpen hun eigen voetafdruk te verkleinen en/of een con- sistente meerwaarde voor de samenleving in het algemeen opleveren, bijvoorbeeld via een duurzamere gezondheidszorg.
Onze managementaanpak
Het onderwerp duurzame bedrijfsoplossingen en productie is breed en het omvat veel ver- schillende processen waarbij verschillende lagen van onze organisatiestructuur betrokken zijn. De managementaanpak is daarom gelaagd:
* Globaal niveau: voor de bepaling van de bedrijfsstrategie, de mondiale doelstellingen en de markten waarop wij invloed willen uitoefenen;
* Fabrieksniveau: voor de duurzaamheidsprestaties die specifiek zijn voor de milieuvoetaf- druk van de productie;
* Divisieniveau: voor de ontwikkeling van duurzame bedrijfsoplossingen en diensten.
Terwijl de eerste twee lagen worden beschreven in respectievelijk de hoofdstukken ‘Bedrijfsinformatie’ en ‘Focus op onze planeet’, wordt de ontwikkeling van nieuwe duur- zame bedrijfsoplossingen aangestuurd door elke bedrijfsdivisie met de steun van het Corporate Sustainability Office. Onze teams van productspecialisten zijn het best geplaatst om mogelijkheden ter verbetering te identificeren en de marktrijpheid van nieuwe ontwik- kelingen te beoordelen, dankzij hun kennis van ons klantenbestand en de manier waarop elke lijn intern werkt. Om deze ambitieuze doelstellingen te verwezenlijken is een reeks processen in gang gezet, waaronder:
* Geleidelijke overgang naar een circulaire economie als essentieel voor een duurzame samenleving. Samen met de milieuaspecten (meer in detail behandeld onder ‘Focus op onze planeet’) brengt dit de transformatie van onze bedrijfsmodellen als geheel, nauwere samenwerking en vaak gedeelde middelen en een gemeenschappelijke strategie met klan- ten en leveranciers met zich mee;
* Meer expliciete aandacht voor duurzaamheid bij de beoordeling van marktbehoeften via een sterkere betrokkenheid van belanghebbenden;
* Ontwikkeling van duurzaamheidscriteria op productniveau om besluitvorming op O&O- niveau mogelijk te maken;
* Gegevensbeheer voor een efficiënte uitwisseling van informatie die een betere besluitvor- ming en gegevensbescherming mogelijk maakt.
Voor sommige van onze producten en diensten vertrouwen we ook op inzichten uit markt- begeleiding door gebruik te maken van certificerings- en etiketteringsprogramma's voor duurzaamheid of van sectorale beste praktijken, als die bestaan. Zo zijn de meeste Agfa-ink- ten gecertificeerd als GREENGUARD Gold, A+, AgBB en M1. Deze strenge normen hebben betrekking op chemische emissies, bijvoorbeeld de luchtkwaliteit wanneer prints worden gebruikt voor toepassingen binnenshuis. Ze meten allemaal de uitstoot van VOS's (vluchti- ge organische stoen) in de lucht in een gesloten kamer, maar verschillen in VOS-concen- tratiecriterium en land van uitgifte. De certificering van onze producten garandeert dat ze aanvaardbaar zijn voor gebruik in gevoelige binnenomgevingen, zoals scholen en zorginstel- lingen, en voor prints die alle muren van een ruimte bedekken – niet alleen als bewegwijze- ring of gedeeltelijke wanddecoratie. Hieronder staan enkele voorbeelden van onze duurzame oplossingen – meer details zijn te vinden onder 'Bedrijfsactiviteiten 2022'.
```# FOCUS OP DUURZAME PRESTATIES
## Dunne inktlaagtechnologie
Onze gepatenteerde 'in Ink Layer'-technologie biedt een extreem hoog geleidingsvermogen bij lage uithardingstemperaturen, waardoor de hoeveelheid inkt die nodig is om een hoogwaardige afdruk te verkrijgen tot een minimum wordt beperkt.
## ECO: Zuinigheid, ecologie en extra gebruiksgemak
Het ECO-programma is een op maat gemaakte doorlichting van de drukvoorbereiding- en drukprocessen van klanten, waardoor het hele proces wordt geoptimaliseerd en er wordt bespaard op het gebruik van inkt, papier en water en er minder afval ontstaat.
## Chemievrije drukplaten
Met onze chemievrije computer-to-plate-systemen (CtP) kunnen drukkers hun ecologische voetafdruk verkleinen, hun bedrijfskosten verlagen en hun efficiëntie verhogen. In het afgelopen decennium is al meer dan 90% van onze klanten in het krantensegment overgestapt op chemievrije technologie.
## Circulair bedrijfsmodel voor drukplaten
Het systeem maakt het mogelijk drukplaten aan te bieden aan grote drukkerijen in een gesloten bevoorradingssysteem waarbij ze na gebruik worden ingezameld en teruggestuurd naar de aluminiumproducent voor recyclage. Deze samenwerking in de hele toeleveringsketen tussen ons, de aluminiumleverancier, de logistieke partners en de drukkerij ondersteunt onze overgang naar een steeds meer circulaire economie.
## Duurzame en veilige oplossingen voor de gezondheidszorg
Zowel onze IT-oplossingen voor medische beeldvorming als onze radiologiesystemen zijn erop gericht de zorgverlening te transformeren – door zorgverleners over de hele wereld te ondersteunen met veilige, effectieve en duurzame beeldvormingsgegevens, waardoor patiënten de definitieve antwoorden krijgen. Deze verbeteringen in de kwaliteit en efficiëntie van de gezondheidszorg gaan gepaard met grote waakzaamheid om altijd de veiligheid van de gegevens en de systemen te garanderen.
## Zirfon H 2 -membranen voor alkalische waterelektrolyse (AWE)
Agfa's Zirfon H 2 -membranen bieden fabrikanten van elektrolyse-apparatuur en eigenaars van waterstofproductieprojecten een betrouwbare oplossing op het vlak van duurzaamheid en aanhoudend hoge productiviteit, zelfs in de dynamische bedrijfsomstandigheden die typisch zijn voor hernieuwbare energiebronnen.
### Onze prestaties en activiteiten in 2022
In 2022 hebben we onze inspanningen voortgezet om duurzame ontwikkeling te integreren in de oplossingen die we op de markt brengen. Meer specifiek bleven we:
* onze kerncompetenties inzetten om de opkomst van de groene waterstofindustrie te ondersteunen. Als grote erkenning voor onze inspanningen ontvingen we de 2022 Innovation Award van essenscia, de Belgische federatie voor chemische industrie en biowetenschappen, en dit voor onze baanbrekende Zirfon UTP 220-membraantechnologie voor groene waterstofproductie;
* de overgang naar additieve inkjettechnologie voor de industrie van de gedrukte schakelingen stimuleren met onze DiPaMAT-inkten. Deze technologie maakt een lager inktverbruik mogelijk voor hetzelfde bedrukte oppervlak en gebruikt solventvrije inkjetinkten;
* evolueren naar digitale oplossingen in onze markten voor medische beeldvorming en grafische toepassingen, waarbij workflows, materiaalgebruik en werken op afstand en samenwerking worden geoptimaliseerd, zodat de verspilling van tijd en middelen aanzienlijk wordt verminderd in vergelijking met het gebruik van analoge oplossingen.
### Duurzaamheidsmatrix
Om de duurzaamheid van onze innovaties in onze gevarieerde productportefeuille beter te sturen, werd in 2021 een interne methodologie ontwikkeld om de ecologische en sociale voetafdruk van onze producten te beoordelen. Na benchmarking van bestaande instrumenten besloten wij te kiezen voor een op maat gemaakte aanpak die aan onze behoeften voldoet. Deze methode is gebaseerd op een vragenlijst voor productontwikkelingsteams waarmee de duurzaamheidsverbeteringen van een product in de O&O-ontwerpfase kunnen worden vastgesteld, in vergelijking met hun vorige versies op de markt. Na een succesvolle pilotfase om de ontwerpmethode op enkele projecten te testen, werd deze 'duurzaamheidsmatrix' in 2022 toegevoegd aan de verplichte documenten die vereist zijn om de Product Development Procedure van Agfa’s divisie Digital Print & Chemicals in te vullen. Alle product-roadmaps die sindsdien werden gelanceerd, voldeden aan ons principe om met producten van een volgende generatie niet in te boeten op het vlak van duurzaamheid. In de komende jaren zullen we het gebruik van dit instrument blijven opvolgen om het waar nodig te verfijnen en te verbeteren, zodat het eventueel ook aan de andere divisies kan worden aangepast.
# FOCUS OP DUURZAME PRESTATIES
## Relevantie, definitie en grenzen
Innovatie maakt deel uit van ons DNA en is voor ons essentieel voor de verwezenlijking van onze groeistrategie. Ter ondersteuning van de verschillende processen die voor continue innovatie zorgen, investeren wij jaarlijks 5-6% van onze omzet in O&O en innovatie. Product- en technologische innovatie bij Agfa streeft naar duurzame waardecreatie voor onze klanten en andere belanghebbenden, een doelstelling die ingebed is in onze ideeënprocessen. Naast de ontwikkeling van nieuwe producten zijn we voortdurend op zoek naar oplossingen die niet alleen onze eigen ecologische voetafdruk verkleinen, maar ook die van onze klanten.
### Onze managementaanpak
Sinds 2019 is ons innovatiegeneratieproces op mondiaal niveau gestructureerd om volledige synergie en kruisbestuiving tussen verschillende gebieden met innovatiepotentieel te garanderen. Aangezien Agfa in een transformatieproces zit, werd besloten dat innovatie het best in de nabijheid van de groeigebieden wordt geplaatst. In plaats van als een onafhankelijke groep te werken, werden de innovatiekantoren daarom in 2022 overgedragen aan de divisies. Terwijl onze HealthCare IT-divisie volledig vertrouwt op de innovatiefocus van haar toegewijde O&O-team, blijven de innovatieteams die geïntegreerd zijn in onze divisies DPC, Offset Solutions en Radiology Solutions ondersteund door ons Materials Technology Centre (MTC), een O&O-groep die van oudsher opereert als een Agfa competence center en die de divisies ondersteunt in technologische innovatie voor materialen en processen.
Innovatie bij Agfa wordt gekenmerkt door het opzetten van een continu ideevormingsproces dat voorstellen selecteert, valideert en rangschikt. De ideeën worden beoordeeld aan de hand van een op maat gemaakte scoremethode die rekening houdt met de aantrekkelijkheid van de marktsegmenten, commerciële succesfactoren, technische haalbaarheid en duurzaamheidscriteria inzake Mensen & Planeet. Ook de evaluatie van veranderende bedrijfsmodellen is een belangrijk beoordelingscriterium. Een relevant voorbeeld voor ons in dit verband is digitalisering en Software as a Service.
Innovatieteams blijven kijken naar maatschappelijke en markttrends om na te gaan waar Agfa nieuwe activiteiten kan ontwikkelen in aangrenzende en minder aangrenzende markten en technologieën, in overeenstemming met de huidige bedrijfsstrategie. Dit gebeurt ofwel door gebruik te maken van bestaande kerncompetenties, ofwel door nieuwe markten en technologieën te ontwikkelen. Wij betrekken ook onze klanten en andere belanghebbenden in de sector bij ons innovatieproces via onze verkoop- en serviceteams, aangezien zij het best geplaatst zijn om de behoeften van onze klanten en, bij uitbreiding, van de samenleving te vatten. Samenwerking en open innovatie worden gestimuleerd om de introductie van oplossingen te versnellen op markten waar we nu nog niet aanwezig zijn. Samenwerking met startup- en scale up-netwerken wordt opgezet om de verkenning en validatie van ideeën in nieuwe toepassingen of onbekende markten te versnellen, maar ook om een lerende mentaliteit aan te moedigen en medewerkers te stimuleren hun comfortzone te durven verlaten. Een voorbeeld is innovatieteams en andere medewerkers bij corporate venture-projecten in contact te brengen met business angels.
## 2. Innovatie en investeringen
Onze expertise op het vlak van chemie delen we onder meer via Agfa-Labs, ons open innovatieplatform voor materiaal- en coatingonderzoek. Via dit platform ondersteunen we de industrie bij het onderzoek naar het potentiële gebruik van materialen in toepassingen zoals biowetenschappen, bouw, plastic & polymeren, enz.
### Onze indicatoren
1. % jaarlijkse omzet geïnvesteerd in O&O (voor de hele Groep)
#### Onze prestaties en activiteiten in 2022
In 2022 investeerden we 5,4% van onze omzet in O&O, wat onze sterke focus op voortdurende innovatie bevestigt. Ons sterke engagement blijkt ook uit de reeks collaboratieve innovatieprojecten die we hebben opgezet, hetzij gefinancierd door de overheid/EU, hetzij gefinancierd door de industrie, met als doel bij te dragen tot voortdurende innovatie, hetzij door de prestaties van bestaande materialen te verbeteren, hetzij door nieuwe materialen te ontwikkelen. Naast de projecten die specifiek gericht zijn op vermindering van de milieu-impact, zoals beschreven in het hoofdstuk 'Focus op onze planeet', volgen hier enkele voorbeelden van innovatieactiviteiten waarin wij onze middelen hebben geïnvesteerd:
* **DUVAL**
Een door de EU gefinancierd project in samenwerking met een academische partner om knowhow te ontwikkelen over dunne-filmverdamping, specifiek voor uitdagende producten omwille van hun chemische aard. We bieden ook toegang tot andere bedrijven om onderzoek te doen, of zelfs pilots uit te voeren op Agfa's destillatieplatformen.
* **Atom and Flex**
Twee projecten gefinancierd door de Vlaamse overheid om flowchemie-oplossingen te ontwikkelen voor een veiligere en duurzamere productie van chemische bouwstenen. In het geval van het Atom-project maken we deel uit van een breder consortium bestaande uit vier industriële en vier academische partners.# FOCUS OP DUURZAME PRESTATIES
Op 7 februari 2023 bezat Agfa 704 actieve octrooifamilies, samen goed voor 2.634 actieve octrooirechten, waarvan 2.131 toegekende octrooien en 503 lopende aanvragen. Deze daling, in vergelijking met voorgaande jaren, maakt deel uit van een geplande optimalisatie-inspan- ning op de kwaliteit van onze octrooiportefeuille, waarbij enkel die octrooien met een hoge strategische waarde behouden blijven.
## Onze inzet voor de toekomst
2022 bleef voor ons een uitdagend jaar van transformatie. Terwijl we ons in een proces van interne reorganisatie bevinden om onze structuur aan te passen aan de veranderende eisen van de markt, blijven we ervan overtuigd dat voortdurende investeringen in onderzoek en innovatie de sleutel zijn om te blijven slagen in onze missie om voor onze klanten de partner bij uitstek te zijn voor de lange termijn. O&O en innovatie blijven de kern van onze groei- strategie, gericht op zowel het verbeteren van de prestaties van bestaande oplossingen als op het ontwikkelen van nieuwe.
## 3. Ethisch zakelijk gedrag en naleving
### Relevantie, denitie en grenzen
Ons doel is krachtig, onaankelijk, ethisch en eerlijk te concurreren en tegelijkertijd de verantwoordelijkheid op ons te nemen een maatschappelijk verantwoorde onderneming te zijn in alle landen waar wij wereldwijd actief zijn.
### Onze managementaanpak
Agfa's beleid beschrijft ons engagement om ethisch te handelen en samen te werken met or- ganisaties die onze visie delen. Deze beleidslijnen omvatten onze Gedragscode en Ethische Beleidsverklaring, die beide geïntegreerd zijn in ons Corporate Governance Charter. Ze be- vatten beginselen op hoog niveau die onze doelstelling weerspiegelen om op een duurzame manier te werken en te groeien, rekening houdend met de wensen en het welzijn van onze belanghebbenden, zowel intern als extern.
De Gedragscode bevat onder meer principes betreende:
* nultolerantiebeleid voor omkoping en ongepaste betalingen, zowel aanvaarde als uitge- voerde;
* nultolerantiebeleid voor belangenconicten en handel met voorkennis;
* volledige naleving van de mededingings- en antitrustwetgeving;
* strikte eerbiediging van intellectuele-eigendomsrechten van derden, overeengekomen vertrouwelijkheidsregels en geheimhoudingsverplichtingen.
De gedragingen die onder de Gedragscode vallen, worden bepaald door de Raad van Bestuur en worden regelmatig herzien. Van alle werknemers wordt verwacht dat zij de regels van de Gedragscode naleven. Voorts wordt het hogere kader (niveau 2 en hoger) om de twee jaar sys- tematisch gevraagd te (her)bevestigen dat zij de Gedragscode hebben gelezen en begrepen.
Inbreuken op wetten, voorschriften of beleidslijnen van de Agfa-Gevaert Groep – zoals de Gedragscode – inzake fraude, antitrust, corruptie, belangenconicten en andere soortgelijke gebieden, kunnen ernstige gevolgen hebben voor de Groep. Mogelijke gevolgen zijn vervol- ging, boetes en sancties, alsook contractuele, nanciële en reputatieschade.
Om de naleving van de principes van de Gedragscode op te volgen en te verzekeren, heeft Agfa een klokkenluidersregeling ingevoerd om eventuele problemen te behandelen. Agfa's werknemers kunnen te allen tijde via e-mail, telefoon of brief een vraag of klacht indienen bij hun directe chef of bij het Group Compliance Oce. Klachten en vragen worden syste- matisch en vertrouwelijk behandeld door het Group Compliance Oce. Er kunnen gespe- cialiseerde en onaankelijke contactpersonen worden aangewezen voor specieke onder- werpen die onder de Gedragscode vallen in overeenstemming met de lokale regelgeving, bijvoorbeeld een contactpersoon binnen HR voor specieke HR-gerelateerde zaken.
Ethisch gedrag blijft echter niet beperkt tot naleving van de Gedragscode. Het wordt aange- vuld met meer gedetailleerde bedrijfs-, divisie- en/of lokale beleidslijnen die bepalen hoe deze beginselen per domein moeten worden toegepast. Naast de wereldwijde Gedragscode is er bijvoorbeeld ook een specieke Gedragscode voor Leveranciers, Distributeurs en Agenten van Agfa die gebruikt wordt door Agfa’s Inkoopafde- ling die, door de specieke aard van haar taken, een van onze belangrijkste interfaces met de buitenwereld is. Deze Gedragscode bouwt voort op de Wereldwijde Gedragscode en regelt speciek de interacties met leveranciers, distributeurs en agenten, met specieke voorbeel- den van wat als een potentiële inbreuk op de regels wordt beschouwd en hoe medewerkers in dergelijke omstandigheden geacht worden zich te gedragen.
Ingevolge artikel 54 van de Modern Slavery Act 2015 heeft Agfa HealthCare UK Ltd, als on- derdeel van de Agfa-Gevaert Groep, ook een Modern Slavery Statement uitgegeven, dat in 2022 werd vernieuwd. Daarin worden de stappen uiteengezet die zijn genomen om mo- derne slavernij en mensenhandel in haar activiteiten en toeleveringsketens te voorkomen, zoals monitoring en verbetering van processen om transparantie te garanderen.
### Onze prestaties in 2022 en ons engagement voor de toekomst
In 2022 werd één klacht gemeld via de klokkenluidersprocedure voor een vermeende schending van de Agfa Gedragscode. Na verdere analyse van de melding concludeerde een interne audit dat er geen inbreuk was geweest en werd het dossier gesloten zonder dat follow-up of corrigerende maatregelen nodig waren.
Alle werknemers moeten de Agfa Gedragscode naleven. Onze jaarlijkse Compliance Review werd voor het einde van het boekjaar 2022 rechtstreeks aan de Raad van Bestuur voorgelegd.
## 4. Productbeheer en kwaliteit van de dienstverlening
### Relevantie en grenzen
Zoals vermeld in ons SH&E-beleid (Safety, Health & Environment – veiligheid, gezondheid & milieu) is product stewardship voor ons een centrale bedrijfsverbintenis. Wij kopen, gebruiken en verkopen wereldwijd chemische producten, elektronica en dien- sten – daarom is proactief beheer van onze producten en diensten ter plaatse en op afstand, inclusief samenwerking met leveranciers en downstreamgebruikers, een eerste vereiste om veilige en bruikbare producten op de markt te brengen. De basis voor succesvol productbe- heer is naleving van de bestaande wetgeving, proactieve anticipatie op toekomstige eisen en een grondig begrip van de gevolgen van marktontwikkelingen voor onze producten en dien- sten om servicegerichte klantenrelaties te waarborgen.
Dit hoofdstuk is speciek gericht op het beheer van SH&E-regelgeving.
### Onze managementaanpak
De verschillende activiteiten rond SH&E-beheer zijn gebaseerd op ons interne bedrijfsbe- leid inzake veiligheid, gezondheid en milieu. Elke divisie benoemt een SH&E-manager die bijdraagt aan de uitrol en evaluatie van het SH&E-beleid en de doelstellingen van de onder- neming en die lid is van het Corporate SH&E Management Committee. Het beleid wordt ten minste om de drie jaar herzien, tenzij het Directiecomité het relevant acht dit vaker te doen. Het SH&E Management Committee volgt ook de voortdurende ontwikkeling van de wetge- ving wereldwijd voor de chemicaliën, producten en diensten die wij op de markt brengen.
Ons lokale vestigingsmanagement is verantwoordelijk voor de uitvoering van het SH&E- beleid van de onderneming en voor de naleving van de lokale wetgeving die van toepassing is op de werking van de productielocatie zelf, onder coördinatie van de SH&E-coördinator van de fabriek. Om de hoogste SH&E-normen te garanderen, hebben wij in elke vestiging een ander beleid. De focus van de verschillende beleidslijnen wordt op lokaal niveau bepaald, zowel op basis van specieke lokale en nationale wettelijke vereisten, als op basis van het soort activiteiten dat in elke fabriek wordt uitgevoerd.
Er is een Rationalisatiecomité chemische stoen (Rationalization Committee of Chemicals (RCC)) opgericht om de algemene toepassing van de wetgeving inzake chemische stoen te ondersteunen. Het is samengesteld uit managers aangesteld door verschillende business lines en het komt elk kwartaal samen om de strategie voor chemische vervanging of andere acties af te stemmen op de huidige en toekomstige wetgeving.
Gezien de aard van onze pro- ducten besteedt het RCC bijzondere aandacht aan bepaalde stoen of groepen van stoen en specieke voorschriften:
* **CMR's** – volgens ons CMR-beleid bevatten Agfa-producten bij marktintroductie geen CMR-stoen van categorie 1A of 1B. CMR-stoen van categorie 2 zijn alleen toegestaan als een technisch onderzoek heeft uitgewezen dat het gebruik ervan onvermijdelijk is en als een veilig gebruik is aangetoond;
* **REACH-verordening**;
* **SVHC** – waarvoor wij routinematig veiligere potentiële alternatieven beoordelen;
* **Eigen beperkingslijsten van eindklanten** – wij zorgen ervoor dat onze oplossingen voldoen aan de regels van specieke aankoopcriteria en beperkingen die door de eindklanten van onze eigen producten zijn vastgesteld;
* **Milieukeurcriteria** – op verzoek van onze klanten leveren wij producten die voldoen aan de criteria van specieke keurmerken, zoals de Nordic Swan of het EU Ecolabel.# Ons doel is om altijd te streven naar nul overtredingen van de verschillende bovengenoemde richtlijnen. Daarom hebben wij een intern systeem om elk geval van niet-naleving te melden en te beoordelen. Wanneer een geval wordt vastgesteld, hetzij preventief door onze eigen audit, hetzij gemeld door een klant, een aangemelde instantie of een autoriteit, zorgen wij ervoor dat het proces wordt aangepast om toekomstige voorvallen te voorkomen.
## Onze prestaties en activiteiten in 2022
Onze inspanningen rond goed beheer van producten en diensten met het oog op de volledige conformiteit van onze portefeuille met de bindende wetgeving werden in 2022 voortgezet.
Agfa CEO - President of the Executive Management
Corporate SH&E_RA Director
Member of Executive Management Responsible for SH&E_RA
Member of Executive Management
Member of Executive Management
Global SH&E Radiology Solutions
Global SH&E Offset Solutions
Corporate SH&E Regulatory Affairs Manager
Global SH&E HealthCare IT
Global SH&E Digital Print & Chemicals
Corporate Safety & Health Officer
91AgfA-gevAert – jAArverslAg 2022
Met betrekking tot chemisch beheer richtten wij ons op het volgende, naast continue ondersteunende processen:
* Steun verlenen aan de door Certif uitgevoerde effectbeoordeling van de chemiestrategie inzake duurzaamheid om de ontwikkeling van het EU-dossier te voeden;
* Het bijwerken van REACH-dossiers aangezien Agfa betrokken is bij de Certif REACH Intentieverklaring van het Certif Improvement Action plan;
* Proactieve vervanging van PFAS.
Bovendien was Agfa HealthCare een van de eersten die in 2021 de nieuwe Europese Medical Device Regulation (MDR)-certificering van Intertek ontving. Het succes van het behalen van de MDR-certificering kan niet worden overschat, want de MDR was niet alleen nieuw voor Agfa, maar ook voor de hele industrie van medische hulpmiddelen en de controlerende instanties als geheel. De vereiste veranderingen hadden een impact op al onze processen, van pre- tot post-market, van regulerend toezicht tot klinisch bewijs, en werden mogelijk gemaakt door de gezamenlijke inspanningen van meerdere teams. Deze nieuwe MDR CE-markering bevestigt dat Agfa voldoet aan de hoogste normen die door zorgverleners worden vereist.
## Ons engagement voor de toekomst van verantwoorde productie
Het is voor ons van het grootste belang om de hele industrie te helpen bij het streven naar duurzamere productie en wij zullen dit doel volledig blijven steunen, zowel via onze eigen processen als via verenigingen die alle sectoren waarin wij actief zijn vertegenwoordigen. Onze aanpak van productstewardship is sterk, met een toegewijd team, duidelijk beleid, vaste processen en interne controles die het dagelijks beheer bepalen. Deze aanpak is al volledig verankerd in onze manier van werken en de verplichtingen die voor ons liggen zijn duidelijk en gedetailleerd.
Naast het voldoen aan alle komende nieuwe regelgeving, zullen onze inspanningen voor de toekomst gericht zijn op de uitvoering van de eisen die in het kader van de Green Deal en in het bijzonder van de Chemicals Strategy for Sustainability zijn vastgesteld. In de komende jaren willen wij ook onze aanpak van het leveren van duurzame bedrijfsoplossingen en het beheer van duurzaamheid in de waardeketen beter structureren. Wij zijn reeds actief op deze gebieden en pakken deze processen voornamelijk op divisieniveau en 'per markt' aan. Terwijl de divisies onze klanten beter kennen en verantwoordelijk blijven voor het bepalen van de juiste aanpak, zullen de duurzaamheidsdoelstellingen en -doelen van de onderneming dienen als wereldwijde ondersteunende richtlijnen.
92
### EU-TAXONOMIE
De EU-Taxonomie is een classificatiesysteem waarbij een lijst van ecologisch duurzame economische activiteiten wordt opgesteld die een belangrijke rol kunnen spelen om de EU te helpen duurzame investeringen op te schalen en de Europese Green Deal uit te voeren. Het is gebaseerd op zes milieudoelstellingen, namelijk: mitigatie van klimaatverandering, adaptatie aan klimaatverandering, duurzaam gebruik en bescherming van water en mariene hulpbronnen, transitie naar een circulaire economie, preventie en bestrijding van verontreiniging, en bescherming en herstel van de biodiversiteit en ecosystemen.
De Verordening (EU) 2020/852, d.w.z. de EU-verordening inzake Taxonomie, is juli 2020 in werking getreden. Ze voorziet in een openbaarmakingsverplichting voor entiteiten die onder het toepassingsgebied vallen. De Agfa Groep valt onder het toepassingsgebied van de verordening als een ‘niet-financiële onderneming’ en is onderworpen aan de rapportageverplichtingen zoals die voor deze categorie gelden. Voor elk van de milieudoelstellingen worden via gedelegeerde handelingen technische screeningscriteria vastgesteld.
Vorig jaar hebben we – als eerste rapportage over de toepassing van de verordening – de resultaten bekendgemaakt van een eerste screening van onze activiteiten om te bepalen welke activiteiten in aanmerking komen voor de Taxonomie. De screening is uitgevoerd aan de hand van de NACE-codes en de beschrijvingen van de activiteiten die in de verordening zijn opgenomen. ‘3.17 vervaardiging van kunststoffen in primaire vormen,’ ‘3.8 vervaardiging van aluminium’ (secundaire recyclage van aluminium) en ‘8.1 gegevensverwerking, hosting en aanverwante activiteiten’ (IT-diensten en technologische informatie)’ werden aangeduid als in aanmerking komende activiteiten, en andere werden als mogelijk faciliterend aangeduid, zoals de bouw van ons zonnepark of de productie van warmte/koeling met behulp van restwarmte (het ‘Warmtenet’-project). Helaas konden we de analyse van de bijbehorende financiële KPI's niet afronden door de moeilijkheid om onze transactie te koppelen aan NACE-codes in plaats van aan de divisies van de Groep, zoals traditioneel bij Agfa gebeurt. Deze waarden werden daarom niet gerapporteerd in ons vorig jaarverslag.
Ondertussen konden we hieraan werken. Vanaf dit jaar moeten wij onze verslagen i.v.m. in aanmerking komende en afgestemde activiteiten en aanpassingen met betrekking tot de mitigatie van de klimaatverandering en de adaptatie aan de klimaatverandering voor het vorige kalenderjaar openbaar maken. Met andere woorden, wij moeten bekendmaken welk deel van onze omzet afkomstig is van producten of diensten die verband houden met Taxonomie-afgestemde economische activiteiten. Wij moeten het deel van hun kapitaaluitgaven (CapEx) en operationele uitgaven (OpEx) bekendmaken dat verband houdt met activa of processen die verband houden met Taxonomie-afgestemde economische activiteiten die onder de Taxonomie vallen, die deel uitmaken van een CapEx-plan om voor de Taxonomie in aanmerking komende uit te breiden of activiteiten op elkaar af te stemmen of die verband houden met de aankoop van output van voor de Taxonomie in aanmerking komende activiteiten en individuele maatregelen die ervoor zorgen dat de doelactiviteiten koolstofarm worden of leiden tot broeikasgasreducties voor 2022 (deze bekendmakingen hebben dus betrekking op hetzelfde boekjaar dat in aanmerking wordt genomen voor de rest van ons jaarverslag).
Om aan deze verplichtingen te voldoen, zijn wij begonnen met een grondigere beoordeling van onze activiteiten om na te gaan of zij voor Taxonomie in aanmerking komen. Ons inzicht in de definities en de toepassing van de Taxonomie nam in de loop van het proces toe en als gevolg daarvan moesten wij onze aanvankelijke screening herzien. Zo moest ‘3.8 Vervaardiging van aluminium’ (Secundaire recyclage van aluminium) uiteindelijk worden verworpen omdat het verband houdt met het fabricageproces van aluminium, waarbij Agfa
93AgfA-gevAert – jAArverslAg 2022
niet betrokken is als fabrikant: wij kopen halfafgewerkte aluminiumproducten en houden ons bezig met de terugwinning van aluminium voor recyclage, wat buiten de Taxonomie- definitie valt. Dezelfde situatie deed zich voor bij ‘3.14 Vervaardiging van organische basischemicaliën’, aangezien Agfa betrokken is bij het mengen en niet bij de vervaardiging van chemicaliën, die evenmin deel uitmaken van de organische basischemicaliën die in de EU-Taxonomie zijn opgenomen. Dit was een van onze grootste uitdagingen tijdens de procedure ter bepaling van de in aanmerking komende activiteiten.
Wij zijn vaak geconfronteerd met het feit dat onze initiatieven, hoewel zij streven naar duurzamere prestaties, niet voldoen aan de beschrijving van een van de activiteiten in de verordening, noch wat betreft de doelstellingen inzake mitigatie van de klimaatverandering, noch wat betreft de doelstellingen inzake adaptatie aan de klimaatverandering. Een ander voorbeeld is de recycling van PCB-coating en de productie van drukinkten en digitale inkjetprintapparatuur, die gericht zijn op vermindering van afval in plaats van emissies. Wij hopen echter dat deze mogelijk kunnen worden opgenomen in de gedelegeerde handelingen voor de overige vier milieudoelstellingen, die bij de opstelling van dit verslag nog niet beschikbaar waren.
### Bijdrage tot de milieudoelstelling mitigatie van de klimaatverandering
Tijdens de screeningbeoordeling van de economische activiteiten van Agfa werden drie soorten voor de Taxonomie in aanmerking komende activiteiten weerhouden:
1. Autonome in aanmerking komende activiteiten wanneer de economische activiteit door haar eigen prestaties aanzienlijk kan bijdragen tot de milieudoelstelling inzake de mitigatie van de klimaatverandering.
2. Faciliterende in aanmerking komende activiteiten wanneer de economische activiteit het potentieel heeft om een cruciale rol te spelen bij het koolstofvrij maken van de economie door het rechtstreeks mogelijk te maken dat andere activiteiten op een koolstofarm niveau van milieuprestaties worden uitgevoerd.
3.Transitionele in aanmerking komende activiteiten wanneer de economische activiteit nog niet kan worden vervangen door technologisch en economisch haalbare koolstofarme alternatieven, maar wel het potentieel heeft om de overgang naar een klimaatneutrale economie te ondersteunen. Bijgevolg: De volgende economische activiteiten komen in aanmerking als op zichzelf staande ontvankelijke activiteiten:
* 4.15 Distributie van stadsverwarming en -koeling (‘Warmtenet’)
* 4.30 Hoogrenderende warmte-/koudekrachtkoppeling uit fossiele gasvormige brandstoffen (warmte-koudekrachtkoppeling)
* 5.3 Bouw, uitbreiding en exploitatie van systemen voor opvang en behandeling van afvalwater (Waterzuiveringsinstallatie)
* 5.9 Materiaalterugwinning uit niet-gevaarlijke afvalstoffen (Terugwinning van fosfor uit imaging-platen)
* 6.4 Exploitatie van persoonlijke vervoersmiddelen, fietslogistiek (Mobiliteitsplan – Fietslease)
* 6.5 Vervoer met motorfietsen, personenauto’s en bedrijfsvoertuigen (Mobiliteitsplan – (PH) EVs leasing)
De volgende economische activiteiten komen in aanmerking als faciliterende ontvankelijke activiteiten:
* 3.6 Fabricage van andere koolstofarme technologieën (Zirfon)
* 4.11 Opslag van thermische energie (Warmtecollector in water)
* 7.3 Installatie, onderhoud en reparatie van energie-efficiënte uitrusting (voor productievestigingen van Agfa)
* 7.4 Installatie, onderhoud en reparatie van oplaadstations voor elektrische voertuigen in gebouwen en parkeerplaatsen verbonden aan gebouwen (voor Mortsel, België)
* 7.5 Installatie, onderhoud en reparatie van instrumenten en apparaten voor het meten, regelen en controleren van de energieprestaties van gebouwen (voor Mortsel, België)
De volgende economische activiteiten komen in aanmerking als transitionele ontvankelijke activiteiten:
* 3.17 Vervaardiging van kunststoffen in primaire vorm (PET)
* 8.1 Gegevensverwerking, hosting en bijbehorende activiteiten (Healthcare IT Managed Services)
| | In 2021 | In 2022 |
| :---------------------------------------------------------------------------------- | :------ | :------ |
| Aandeel van de omzet dat verband houdt met op de taxonomie afgestemde economische activiteiten | 1,2% | 1,3% |
| Aandeel van de CapEx dat verband houdt met op de taxonomie afgestemde economische activiteiten | 23,4% | 18,5% |
| Aandeel van de OpEx dat verband houdt met op de taxonomie afgestemde economische activiteiten | 21,7% | 18,2% |
## Bijdrage aan de milieudoelstelling adaptatie aan de klimaatverandering
Alle eerder genoemde economische activiteiten van Agfa en de aanvullende “aangepaste” activiteit ‘8.2 Computerprogrammering, consultancy en aanverwante activiteiten’ die wij hebben geïdentificeerd, konden niet worden beschouwd als in aanmerking komend voor adaptatie aan de klimaatverandering overeenkomstig het document met veelgestelde vragen (FAQ) bij de Disclosures Delegated Act dat de EU-Commissie op 19 december 2022 heeft gepubliceerd. Dit omdat er voor deze activiteiten nog geen klimaatrisico- en kwetsbaarheidsbeoordeling van de belangrijkste fysieke klimaatrisico's die van wezenlijk belang zijn voor elke economische activiteit en geen gedocumenteerd klimaatadaptatieplan voor deze activiteiten bestaan.
### Taxonomie-afstemming
Om afgestemd te zijn en dus om in aanmerking te komen als ecologisch duurzaam mogen de economische activiteiten ook geen ernstige afbreuk doen aan (“do no significant harm” of “DNSH”) de andere milieudoelstellingen die in de Taxonomie-verordening zijn genoemd, ze moeten plaatsvinden met inachtneming van de in artikel 18 van de Taxonomieverordening vastgestelde (sociale) minimumgaranties en ze moeten voldoen aan de technische screeningcriteria die via gedelegeerde handelingen van de Commissie zijn vastgesteld in overeenstemming met de Taxonomieverordening.
Op basis van het feit dat alle activiteiten dezelfde DNSH-criteria hebben met betrekking tot de milieudoelstelling inzake adaptatie aan klimaatverandering (d.w.z. de ontwikkeling van een klimaatrisico- en kwetsbaarheidsbeoordeling voor elke in aanmerking komende activiteit, en dat Agfa's op ondernemingsniveau uitgevoerde milieurisicobeoordeling (zie p. 22-49) niet specifiek is ontwikkeld om elk van de in aanmerking komende activiteiten aan te passen aan de nadelige gevolgen van huidige of verwachte toekomstige klimaatrisico's), kan worden geconcludeerd dat alle activiteiten die zijn geïdentificeerd als in aanmerking komend voor de Taxonomie, automatisch worden beschouwd als niet afgestemd zijnde met de Taxonomie. Bijgevolg was het aandeel van de Omzet, de CapEx en de OpEx die gelinkt was aan ecologisch duurzame activiteiten (Taxonomie-afgestemd) zowel in 2021 als in 2022 0,0%.
Het afstemmingsproces is echter een continue inspanning. Gezien de relatief lange lijst van in aanmerking komende activiteiten en het feit dat deze in aanmerking komen vanwege de aard van onze activiteiten, maar nog steeds moeten worden gedocumenteerd volgens de eisen van de EU-Taxonomieverordening, bekijken wij hoe wij de lacunes het beste kunnen aanpakken en de beoordeling voor de andere DNSH-criteria en de technische screeningscriteria kunnen versnellen om onze afstemmingsprestaties voor de volgende verslagjaren te verbeteren.
Wat betreft de inachtneming van de in artikel 18 van de Taxonomieverordening vastgestelde (sociale) minimumgaranties, zijn wij van mening dat de inhoudelijke onderwerpen die voor hen relevant blijven, namelijk mensenrechten (waaronder arbeids- en consumentenrechten), omkoping, het aanzetten tot omkoping en afpersing, belastingen en eerlijke concurrentie, reeds deel uitmaken van ons DNA en onze manier van werken.
Er zijn enkele punten voor verbetering van het proces en de documentatie geconstateerd, bijvoorbeeld met betrekking tot het due diligence-proces inzake mensenrechten, terwijl onze procedures in het kader van de EU-Taxonomie zijn doorgelicht om ervoor te zorgen dat zij in overeenstemming zijn met de OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen (OESO MNE-richtlijnen), de VN-richtlijnen inzake bedrijfsleven en mensenrechten, de verklaring van de Internationale Arbeidsorganisatie inzake fundamentele beginselen en rechten op het werk en de internationale Bill of Human Rights. Er hebben zich echter geen inbreuken op wet- en regelgeving betreffende deze vier kernthema's voorgedaan, noch heeft Agfa geweigerd zich in te laten met een zaak die door een Nationaal Contactpunt (NCP) van de OESO in behandeling werd genomen.
Dit jaarverslag behandelt in verschillende hoofdstukken onze kernwaarden en praktijken die worden toegepast om deze minimumgaranties op verantwoorde en respectvolle wijze uit te rollen. Voor meer details over onze verbintenissen verwijzen wij naar onze Gedragscode en naar de hoofdstukken in dit verslag.
## Boekhoudkundig beleid
### Specificatie van de kritische prestatie-indicator (KPI) i.v.m. Omzet voor rapportering over in aanmerking komende activiteiten
Zoals uiteengezet in Sectie 1.1.1 van de Gedelegeerde Verordening betreffende Informatieverschaffing waarin de Omzet-KPI wordt gedefinieerd, wordt de teller van de KPI berekend op basis van de netto-omzet uit producten of diensten, met inbegrip van immateriële activa, die verband houden met geïdentificeerde in aanmerking komende activiteiten, zoals de omzet uit Agfa-producten die verband houden met de vervaardiging van kunststoffen in primaire vorm (PET), andere koolstofarme technologieën (Zirfon), de terugwinning van fosfor uit imaging-platen of Healthcare IT managed services (hostingactiviteiten).
Voor de noemer van de KPI is in paragraaf 1.1.1 van de Gedelegeerde Verordening betreffende Informatieverschaffing bepaald dat de totale netto-omzet wordt berekend als bedragen die afkomstig zijn van de totale verkoop van producten en het verlenen van diensten na aftrek van verkoopkortingen en belasting over de toegevoegde waarde en andere belastingen die rechtstreeks verband houden met de omzet. Inkomsten van entiteiten waarop de equity-methode wordt toegepast, intercompany-inkomsten, inkomsten uit subsidies, inkomsten uit beëindigde bedrijfsactiviteiten en IFRS 5-winst worden buiten beschouwing gelaten. Deze definities zijn in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS), het rapporteringskader dat Agfa gebruikt voor het financiële gedeelte van dit jaarverslag.
### Specificatie van de kritische prestatie-indicator (KPI) i.v.m. Kapitaaluitgaven (CapEx) voor rapportering over in aanmerking komende activiteiten
Zoals uiteengezet in punt 1.1.2 van de Gedelegeerde Verordening betreffende Informatieverschaffing, waarin de CapEx-KPI wordt gedefinieerd, wordt de teller van de KPI berekend op basis van de netto CapEx van voor de Taxonomie in aanmerking komende activiteiten:
* In verband met activa of processen die verband houden met voor de Taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten;
* Deel uitmaken van een plan om voor de Taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten uit te breiden of om voor de Taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten af te stemmen op de Taxonomie (‘CapEx-plan’);
* Verband houdend met de aankoop van output van voor de Taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten en met individuele maatregelen waarmee de doelactiviteiten koolstofarm kunnen worden of die tot reducties van broeikasgasemissies kunnen leiden, op voorwaarde dat dergelijke maatregelen binnen 18 maanden uitgevoerd zijn en operationeel zijn.
Deze definities komen overeen met het rapporteringskader dat Agfa gebruikt voor het financiële gedeelte van dit jaarverslag. CapEx voor specifieke projecten/activiteiten zijn gemakkelijk traceerbaar op basis van projectnummers en werden op die basis vermeld. Meer algemene CapEx echter, bijvoorbeeld essentiële vervangingen/vernieuwingen/verbeteringen om ervoor te zorgen dat de fabriek blijft draaien, werden toegewezen aan de in aanmerking komende activiteiten op basis van verdeelsleutels gekoppeld aan de volumes die elke activiteit in dat CapEx-gebied vertegenwoordigt.# Voor de KPI-noemer, zoals uiteengezet in punt 1.1.2 van de Gedelegeerde Verordening betreffende Informatieverschaffing, omvat de totale CapEx toevoegingen aan materiële en immateriële activa vóór waardeverminderingen, afschrijvingen en herwaarderingen, met inbegrip van die welke voortvloeien uit opwaarderingen en bijzondere waardeverminderingen, voor het desbetreffende boekjaar en exclusief veranderingen in de reële waarde. De noemer omvat ook toevoegingen aan activa die voortvloeien uit bedrijfscombinaties.
## Specificatie van de kritische prestatie-indicator (KPI) i.v.m. Operationele Uitgaven (OpEx) voor rapportering over in aanmerking komende activiteiten
Zoals uiteengezet in punt 1.1.3 van de Gedelegeerde Verordening betreffende Informatieverschaffing, waarin de OpEx-KPI wordt gedefinieerd, wordt de teller van de KPI berekend op basis van de netto OpEx van voor de Taxonomie in aanmerking komende activiteiten:
* In verband met activa/processen die verband houden met voor de Taxonomie in aanmerking komende activiteiten, met inbegrip van opleiding en andere aanpassingsbehoeften van de menselijke hulpbronnen, en directe niet-geactiveerde kosten die onderzoek en ontwikkeling vertegenwoordigen;
* Onderdeel van het CapEx-plan om voor de Taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten uit te breiden of om voor de Taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten af te stemmen;
* Verband houdend met de aankoop van output van voor de Taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten en met individuele maatregelen waarmee de doelactiviteiten koolstofarm kunnen worden of die tot reducties van broeikasgasemissies kunnen leiden, alsmede individuele maatregelen voor de renovatie van gebouwen, op voorwaarde dat dergelijke maatregelen binnen 18 maanden uitgevoerd zijn en operationeel zijn.
Voor de KPI-noemer, zoals uiteengezet in punt 1.1.3 van de Gedelegeerde Verordening betreffende Informatieverschaffing, omvat de totale OpEx directe niet-geactiveerde kosten in verband met onderzoek en ontwikkeling, maatregelen voor de renovatie van gebouwen, leaseovereenkomsten van korte duur, onderhoud en reparatie, en alle andere directe uitgaven in verband met het dagelijkse onderhoud van materiële vaste activa door de onderneming of door derden waaraan activiteiten zijn uitbesteed die nodig zijn voor een continu en doeltreffend functioneren van dergelijke activa. Deze ‘Andere directe uitgaven’ omvatten niet-exhaustief, volgens het document met veelgestelde vragen (FAQ) over de Gedelegeerde Verordening Betreffende Informatieverschaffing dat de EU-Commissie op 5 februari 2022 heeft gepubliceerd: algemene kosten, grondstoffen, kosten van een werknemer die de machine bedient, kosten voor het beheer van O&O-projecten, elektriciteit/vloeistoffen die nodig zijn om PBM's te bedienen, maar omvatten ook onderhoudsmateriaal, kosten van een werknemer die een machine repareert, kosten van een werknemer die een fabriek schoonmaakt, IT voor onderhoud.
Deze definities zijn niet volledig in overeenstemming met het rapporteringskader dat Agfa gebruikt voor het financiële gedeelte van dit jaarverslag. Daarom hebben wij ervoor gezorgd dat alle gerapporteerde cijfers gedocumenteerd en controleerbaar zijn en hebben wij het aantal veronderstellingen zo veel mogelijk beperkt. Wij geloven dat de toegepaste methodologie de meeste kostenplaatsen dekt met beperkte afwijkingen en daarom worden er geen belangrijke hiaten verwacht:
* O&O is rechtstreeks ontleend aan onze winst- en verliesrekening;
* Maatregelen voor de renovatie van gebouwen, onderhoud en reparatie, en alle andere directe uitgaven in verband met het dagelijkse onderhoud zijn samengenomen om dubbeltelling bij de toewijzing in de teller over de economische activiteiten te voorkomen;
* De cijfers zijn afkomstig van een speciale grootboekrekening voor "Kosten voor reparatie en onderhoud en kwaliteitskosten", die alle externe kosten in verband met reparatie en onderhoud omvat, met inbegrip van schoonmaak- en beveiligingskosten. Voor de interne kosten hebben wij besloten de combinatie van informatie uit verschillende kostenrekeningen te vermijden om een duidelijke informatiebron te behouden en dubbeltellingen bij de toewijzing van de teller over economische activiteiten te vermijden. In plaats daarvan hebben wij voor alle ondernemingen, behalve de grootste contribuant Agfa-Gevaert NV, aangenomen dat deze rekening alle relevante kosten dekt. Voor Agfa-Gevaert NV hebben wij deze rekening vervangen door alleen de relevante externe kosten, aangevuld met de som van alle onderhoud & speciale herstellingen (zowel intern als extern) geregistreerd op alle kostenplaatsen binnen Agfa-Gevaert NV (uiteraard exclusief de O&O-kostenplaatsen om dubbeltelling te vermijden);
* Leaseovereenkomsten van korte duur zijn afkomstig van een speciale grootboekrekening ‘Leasekosten van activa van geringe waarde en Leaseovereenkomsten van korte duur.’
## Specificatie van de kritische prestatie-indicator (KPI) voor rapportage over afgestemde activiteiten
Dezelfde definities gelden als basis voor de berekeningen van de KPI's voor de afstemmingsrapportage voor de tellers en noemers van omzet, CapEx en OpEx, met dien verstande dat in de tekst ‘in aanmerking komend’ wordt vervangen door ‘afgestemd’.
---
# 97 Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
# 98 -
# 99
# 100 Bedrijfsinformatie
## Onze bestuursstructuur
Het duurzaamheidsbeheer is volledig geïntegreerd in de algemene bestuursstructuur van Agfa, aangezien het deel uitmaakt van de kernactiviteiten van de organisatie. Zoals in detail uitgelegd in ons publiek beschikbare Corporate Governance Charter, betekent dit dat de Raad van Bestuur (RvB) het ultieme beheersorgaan is voor Agfa's duurzaamheidsstrategie. De RvB vertrouwt aan de CEO, ondersteund door het Directiecomité, waarmee hij samen het Executive Management Team (EMT) vormt, de sturing van en het toezicht op de implementatie van Agfa's duurzaamheidsstrategie toe. Het Head of Sustainability, sinds 2022 zelf lid van het EMT, rapporteert tweemaandelijks rechtstreeks aan het EMT en aan de RvB om updates te geven over de vooruitgang en om strategische begeleiding te vragen. Het Corporate Sustainability Office coördineert de dagelijkse uitvoering van alle activiteiten in samenwerking met de betrokken afdelingen.
Aangezien duurzaam ondernemen inhoudt dat het in alle processen en op alle niveaus van de activiteiten wordt geïntegreerd, is coördinatie tussen regio's en tussen afdelingen en bedrijfseenheden essentieel om de wereldwijde strategie met succes uit te voeren. Daarom doet het Corporate Sustainability Office een beroep op de Sustainability Advisory Group, die bestaat uit hooggeplaatste managers die leiding geven aan teams in verschillende bedrijfsfuncties (bijv. Onderzoek & Ontwikkeling, Inkoop, Communicatie, Human Resources, Corporate Risk, enz. Deze groep geeft strategisch advies over duurzaamheidskwesties, stelt nieuwe ideeën voor en zorgt voor synergie en samenwerking tussen afdelingen. Meer details over specifieke governance voor de belangrijkste materiële onderwerpen zijn te vinden in de volgende hoofdstukken van dit verslag onder "Onze managementaanpak".
De in 2022 gepubliceerde Corporate Sustainability Policy wordt op elk bedrijfsniveau gebruikt om specifieke acties en tussentijdse mijlpalen vast te stellen om onze ondernemingsbrede doelstellingen te bereiken. Sinds 2022 is de verwezenlijking van deze ESG-doelstellingen ook een factor in de berekening van de globale variabele bonus voor alle hogere leidinggevenden in de rangen 1 & 2.
---
# 101
Raad van Bestuur
Executive Management
Divisies
Shared Services
Corporate Functions
Sustainability Advisory Group
Corporate Sustainability Office
```
| Significantie van economische, milieu- en maatschappelijke impact | 1 | 7 | 9 | 8 | 11 | 12 | 10 | 13 | 3 | 6 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
In 2019 hebben we ons engagement voor duurzaamheid geformaliseerd door een eerste materialiteitsbeoordeling uit te voeren om de onderwerpen te identificeren die onze belangrijkste effecten op de economie, het milieu en de mensen vertegenwoordigen, waardoor we onze belangrijkste niet-financiële maatschappelijke effecten grondig konden analyseren. Deze interne analyse werd vervolgens geïntegreerd met een externe analyse over het belang voor onze belangrijkste stakeholders en dus van de invloed van deze kwesties op het bedrijf. De interne materialiteitsoefening vond plaats in het kader van een workshop Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO), waaraan de CEO, leden van het Executive Management en hoofden van het Research & Development Center, Innovation Office, de divisies, Internal Audit, Investor Relations, Human Resources en Corporate Communication deelnamen. De externe analyse werd uitgevoerd via media-analyse, peer review en meningen van deskundigen.
De workshop resulteerde in de vaststelling van de belangrijkste prioriteiten waarop onze duurzaamheidsstrategie moest worden gebaseerd:
Het kwadrant rechtsboven omvat de 13 thema's met de hoogste materialiteit voor onze belanghebbenden en de impact van Agfa; deze worden daarom in dit verslag het meest gedetailleerd behandeld. Wij beseffen dat een materialiteitsbeoordeling regelmatig moet worden herzien. Constante herzieningen maken het mogelijk te streven naar voortdurende verbetering en onze ambitie geleidelijk op te voeren, afhankelijk van onze graad van ontwikkeling. Zij zorgen er ook voor dat de beoordeling relevant is voor de steeds veranderende maatschappelijke context waarin wij actief zijn. Wij verwachten onze materialiteitsbeoordeling om de twee tot drie jaar bij te werken. Daarom hebben wij in 2021 een enquête gehouden onder onze Sustainability Advisory Group om na te gaan of de geselecteerde doelstellingen adequaat zijn. De enquête bevestigde dat wij inderdaad werkten aan prioriteiten die relevant waren voor de bedrijfscontext. De resultaten van de enquête wezen ook op extra aandachtsgebieden waar bijkomende inspanningen nodig zouden zijn voor onze prioritaire SDG's, zoals kleinere acties om gezondheidsproblemen op middellange tot lange termijn te voorkomen, bijvoorbeeld door te lang achter een computer te zitten onder Goede gezondheid en welzijn (SDG 3). Dit heeft geleid tot concrete acties, zoals de start van onze Employee Resource Groups in 2022, die een groter bewustzijn toonden van de rol die medewerkers kunnen spelen bij het aansturen van de evolutie. We bereiden ons ook voor op een volledige dubbele materialiteitsbeoordeling in de komende jaren, waarbij we onze belanghebbenden directer bij het externe analyseproces zullen betrekken.
Om onze aanpak van duurzaamheidsbeheer te beoordelen en onze prestaties te vergelijken met die van de besten in de sector, hebben wij in 2021 voor het eerst een beoordeling door een derde partij uitgevoerd via EcoVadis. EcoVadis is een van 's werelds grootste aanbieders van duurzaamheidsbeoordelingen voor bedrijven. Wij hebben voor EcoVadis gekozen omdat het al meer dan 85.000 bedrijven heeft beoordeeld. De duurzaamheidsbeoordeling van EcoVadis is een betaalde dienst om de materiële duurzaamheidseffecten van een bedrijf te beoordelen op basis van een vragenlijst en uitgebreide ondersteunende documentatie. Dit materiaal wordt door de organisatie beoordeeld op basis van internationale normen zoals de Global Reporting Index (GRI), ISO 26000 en de leidende beginselen van het Global Compact. In 2021 besloten we een dergelijke beoordeling te starten door ons te concentreren op de vestigingen van het groepsonderdeel van de Agfa-Gevaert NV-entiteit. De door EcoVadis ontvangen feedback is een geweldige bron van informatie die wij gebruiken om voor de hele Groep verbeteringstrajecten in onze processen vast te stellen. In 2022 kregen we een score van 53 op 100, waarmee we in het 60e percentiel van de door EcoVadis beoordeelde bedrijven zaten en onze bronzen medaille konden verlengen. Deze verbetering ten opzichte van 2021 is vooral te danken aan de impact van de speciale werkgroepen die zijn opgericht voor ethiek en duurzame inkoop. Wij zijn van plan dezelfde aanpak te hanteren in 2023 en nog meer vooruitgang te boeken.
Het prioriteren van materiële duurzaamheidsthema's – en het verwezenlijken van onze groeistrategie op lange termijn – hangen af van het op gepaste wijze identificeren en beheren van risico's die onze activiteiten kunnen beïnvloeden. Daarom is risicobeheer voor ons een integraal onderdeel van het besluitvormingsproces over de bedrijfsstrategie in zijn geheel. Op een hoger niveau is Agfa's Executive Management verantwoordelijk voor de interne controle- en risicosystemen van de Groep, met inbegrip van die welke betrekking hebben op de financiële rapportering zoals goedgekeurd door de Raad van Bestuur. Risicobeheerprocessen, in overeenstemming met de ISO 31000-normen voor risicobeheer, zijn reeds ingebed in de procedures en managementsystemen van Agfa. Het overwegen van risico's en kansen maakt integraal deel uit van het beslissingsproces op de verschillende niveaus binnen de organisatie. Specifieke controlemechanismen en diepgaande risicobeoordelingen worden waar nodig geïmplementeerd door business units en/of de corporate offices. In het algemeen is er een sterk bewustzijn van risico's (intern aangeduid als onzekerheid/bedreiging) met een zeer grote aandacht voor risicobeperkende maatregelen. Agfa’s aanpak van risicobeheer gebruikt het principe van zowel de 2017 COSO-ERM- als de 2018 ISO-31000-richtlijnen voor risicobeheer met een focus op strategische doelstellingen om de identificatie van de belangrijkste bedreigingen en relevante behandelingsstrategieën gekoppeld aan strategische doelstellingen mogelijk te maken.
In het eerste kwartaal van 2022 voerde Agfa een reeks gestructureerde interviews uit met het Executive Management en andere cruciale ondersteunende functies van de onderneming (bv. Human Resources, Finance, IT en Supply Chain). We bespraken met elke leider de belangrijkste doelstellingen en de bijbehorende onzekerheid/bedreigingen die volgens hen de verwezenlijking van hun belangrijkste doelstellingen zouden kunnen belemmeren. De verzamelde informatie werd gesystematiseerd en gehergroepeerd in drie belangrijke bedreigingsgebieden: Business, Operational Excellence en Human Capital. Vervolgens werden zij geprioriteerd door te beoordelen hoe groot de kans is dat zij zich binnen een strategische horizon van vijf jaar zullen voordoen, en wat hun potentiële financiële impact is als zij zich voordoen. Deze top-down benadering diende als een proxy om de huidige grootste risico's voor de Agfa Groep te benadrukken. Hieronder vindt u de voornaamste risico's die werden geïdentificeerd door het risicobeheerproces van 2022 – bepaalde risico's zijn enigszins gehergroepeerd en hernoemd ten opzichte van vorig jaar als gevolg van het meest recente risico-identificatieproces:
Hieronder volgt een korte beschrijving van de voor Agfa relevante risico's:
Naast de in dit hoofdstuk beschreven risico's kan het niet nakomen van onze verplichtingen tegenover autoriteiten en belanghebbenden op een van de beschreven punten leiden tot reputatieschade die de toekomst van de Groep kan belemmeren. Hoewel het moeilijk is de impact van dergelijke schade in te schatten, omdat die sterk zou afhangen van het soort probleem dat zich voordoet, doen wij al het mogelijke om dit te voorkomen door een duidelijk en doeltreffend bestuur in te stellen voor al onze activiteiten. De talrijke wetten en voorschriften waaraan Agfa onderworpen is, worden steeds complexer en strenger en veranderen sneller en vaker dan voorheen. Deze wetten en voorschriften omvatten onder meer vereisten in verband met gegevensbescherming, intellectuele eigendom, arbeidsverhoudingen, belastingen, anticoncurrentieregels, enz. De naleving van al deze voorschriften op wereldschaal brengt risico's en extra kosten met zich mee die de algemene winstresultaten van de Groep negatief kunnen beïnvloeden. Agfa bezit, heeft aanvragen in behandeling voor en heeft een licentie voor vele octrooien met betrekking tot een verscheidenheid aan producten en software.# Risks to be disclosed in accordance with non-financial information rules
Agfa is subject to numerous environmental requirements in the various countries in which it operates, including air and wastewater emissions, hazardous substances, and the prevention and clean-up of discharges. Substantial operating and capital expenditures are incurred to comply with applicable standards. Provisions are also made for ongoing and reasonably anticipated compliance and remediation costs.
Agfa has developed a strict policy at each facility to prevent these risks from occurring. The risk assessment relating to environmental aspects must be updated at least annually by the responsible departments. In addition to our efforts to limit the impact of our operations on the planet, as previously discussed in the specific section of this report, Agfa has evaluated the potential adverse effects of climate change on its operations and monitors them to be able to provide an appropriate response in the event of a significant event affecting Agfa's operations and its customers.
Climate change, in addition to other long-term consequences, causes extreme natural phenomena that can affect the continuity of the operations of our facilities or in our supply chain. Our global distribution and diverse facilities reduce our exposure to physical risks. Every year, Agfa conducts an assessment of its potential exposure to natural disasters, i.e. earthquake, volcanic eruption, cyclone, tornado, flood, lightning, tropical storm, tsunami and thermal anomalies. In 2022, the assessment covered 296 locations (own production sites, own or rented warehouses and stocks at customers), spread across 36 countries and six continents. This analysis showed that the exposure for our direct operations is relatively low.
Among the social and employment-related risks, the inability to attract relevant talents and the potential loss of management and personnel in key positions are crucial to enable Agfa to achieve its strategic ambition, build further expertise and, above all, manage the other risks facing the organization. In 2021, the ongoing COVID-19 crisis had a heavy impact on our people and society in general. We continued to take precautionary measures to ensure the safety of our teams. In all cases where the pandemic affected staff retention, decisions were made in consultation with employee representatives and in full transparency with the relevant stakeholders. We also make every effort to offer a market-compliant remuneration package and the opportunity to grow and develop within the organization, so that we can retain talent for as long as possible. More details on the concrete policy pursued are included in the 'Focus on our people' chapter of the annual report.
Effective corporate governance and stakeholder management practices can create various benefits for a company and its stakeholders. Conversely, weaknesses in corporate governance practices and stakeholder management processes expose a company and its stakeholders to various risks. Potential risks include the following:
As part of an ecosystem, stakeholder engagement remains an important process to ensure that we conduct business in the most responsible, efficient, and sustainable way. Regular exchange with our stakeholders serves as input to determine our business strategy, understand and fulfill mutual expectations and needs, compare our performance with that of peer companies, and acquire new knowledge. Agfa's stakeholder landscape is quite diverse, due to the different markets we serve and the fact that we are a listed company and therefore obliged to report and be transparent. Our stakeholders can be divided into internal (our own Agfa employees and employee representatives) and external (shareholders and business partners who are part of the value chain). The degree of engagement with each stakeholder group depends on the relevance of the subject matter. The exchanges we have regularly had in recent years have helped us understand the expectations of each stakeholder and served to shape our future actions. To achieve a meaningful result, stakeholder engagement at Agfa is based on a local approach, with all divisions and facilities responsible for identifying their respective stakeholders and engaging in dialogue with them in appropriate ways, depending on their needs and interests. While we have built strong relationships with our stakeholders over the years, we have also gradually integrated and structured our sustainability dialogues within the same framework.
To ensure a good degree of engagement and information exchange for the nearly 7,000 employees, Agfa uses various internal platforms, tools, and processes that allow for varying degrees of interaction, some at a local level and some at a company-wide level. These include quarterly Infotours (business updates on strategy and results), Intranet and newsletters, individual performance reviews, HR engagement surveys, whistleblowing channels, ... In addition, Agfa engages in dialogue with employee representatives in each country where it operates. In most countries, employees are represented by a Works Council. At European level, a European Works Council has been established. For matters relating to Health and Safety, local committees are active, composed of employee and employer representatives. Our employees often express the need to be more involved in decision-making and prioritization. In 2022, we therefore called on our employees to participate in our Employee Resource Groups as part of our diversity, equality, and inclusion strategy. This resulted in the appointment of three Employee Resource Groups (ERG) Leads and 30 participating employees. The diverse representation of our Agfa divisions, regions, and functions will certainly enhance the scope and impact of our DEI actions.
More details on how we engage with our employees can be found in the chapter 'Focus on our people' on pages 50-74.
Dialogue with customers, distributors, and suppliers is primarily conducted by the divisions through direct contact with sales, service, purchasing, and marketing departments at regular business meetings, customer visits and training sessions, customer satisfaction surveys, annual trade fairs and events, and technology days,... These are excellent platforms for discussing new products and solutions, commercial terms, market trends, innovation, specific needs, co-creation projects, etc.
| Overview Agfa Gevaert 2022 | ||
|---|---|---|
| Location Statistics | ||
| Geographic Distribution | Number | Locations |
| Continents | 6 | |
| Total Value | 1.309 bn | |
| Subcontinents | 14 | |
| Average Location | 4.068 mi | |
| Countries | 37 | |
| Biggest Location | 103.094 mi | |
| Regions | 105 | |
| Smallest Location | 89 | |
| Score Overview | NatCat-Score | 4.09 |
| Earthquake | 3.58 | |
| Volcanoes | 1.85 | |
| Tropical Cyclones | 2.40 | |
| Extra Tropical Cyclone | 3.14 | |
| Tornado | 2.78 | |
| Lightning | 1.72 | |
| Flood | 3.38 | |
| Tsunami | 1.84 | |
| Tropical Storm Surge | 1.99 | |
| Thermal Anomalies | 1.71 | |
| ARGOS 03/11/2022 | ||
| All values in: EUR |
Digitale interacties (IT-projectimplementaties en ondersteuning op afstand, virtuele demo's voor klanten, webinars, virtuele wereldwijde conferenties en tentoonstellingen enz.) worden sinds de COVID-19-pandemie steeds meer gebruikt en maken nu volledig deel uit van onze bedrijfspraktijken als aanvulling op de bovengenoemde meer traditionele vormen van betrokkenheid.
De betrokkenheid met aandeelhouders, analisten en (potentiële) beleggers wordt op ondernemingsniveau gecoördineerd door de afdeling Investor Relations & Corporate Communications. Wij organiseren regelmatig evenementen voor beleggers, vergaderingen met aandeelhouders en analisten, roadshows en persoonlijke bijeenkomsten met individuele leden van het Exco en de afdeling Investor Relations.
In 2022 hebben we:
* Een fysieke jaarlijkse aandeelhoudersvergadering gehouden op 10 mei 2022, waar 19 aandeelhouders vertegenwoordigd waren;
* Ongeveer 80 één-op-één-gesprekken met beleggers gehouden om van gedachten te wisselen over een reeks financiële en niet-financiële onderwerpen, waarbij vooral strategische vragen aan bod kwamen over de strategie en de transformatie van de Groep, de evolutie van de activiteiten, de impact van de COVID-19-crisis en de kostinflatie, acties ter vermindering van de pensioenrisico's en inspanningen m.b.t. duurzaamheid en ESG.
Meer details over de interactie met onze financiële belanghebbenden, inclusief agenda en notulen van aandeelhoudersvergaderingen, vindt u op Agfa's corporate website.
De samenwerking met collega-bedrijven, de academische wereld en beleidsmakers is essentieel voor Agfa om te kunnen bijdragen aan algemenere, sectorbrede actie voor duurzame ontwikkeling en voor het creëren van synergieën ter uitbreiding van onze kennis en capaciteit om een positieve impact te hebben. Deze samenwerkingsverbanden hebben gewoonlijk betrekking op een specifiek onderwerp/product en worden hoofdzakelijk door de divisies beheerd door middel van direct contact via onderzoeksprojecten, monitoring van marktontwikkelingen via speciaal hierop gerichte pers- en communicatiekanalen en uitwisseling in diverse beroepsverenigingen. Op een informeler niveau worden leden van ons topmanagement vaak uitgenodigd of bieden ze zich vaak vrijwillig aan voor deelname aan openbare forums ter bespreking van onze zakelijke strategie en benadering van duurzame ontwikkeling. Dergelijke evenementen bieden een gelegenheid voor interactie met uiteenlopende groepen, waaronder business leaders, academici en de civiele samenleving.
Eind 2022 was Agfa (in de vorm van Agfa HealthCare, Agfa Radiology Solutions, Agfa Offset Solutions of Agfa-Gevaert) een actief ondersteunend lid van de volgende verenigingen:
Agfa maakt ook deel uit van verschillende netwerken en kenniscentra, bijvoorbeeld:
Bovendien kan Agfa via de bovengenoemde platforms deelnemen aan evenementen voor het delen van kennis en wordt het uitgenodigd om zitting te nemen in adviescommissies of ad-hoc werkgroepen opgezet door partners zoals het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO) en de Belgian European Risk Management Association (BELRIM). Wij zijn ook betrokken bij een reeks platforms en netwerken via Agfa-Labs, ons open innovatieplatform voor materiaal- en coatingonderzoek. Voorbeelden zijn de Belgian Association of Techni-cians for Paint and Related Industries (ATIPI), de Koninklijke Vlaamse Chemische Vereniging (KVCV) en de Belgische Vereniging voor Oppervlaktetechnieken van Materialen (VOM).
Wij zien onszelf als onderdeel van de gemeenschappen waar onze activiteiten plaatsvinden en waar onze werknemers wonen. Daarom trekken wij altijd tijd en middelen uit om met hen in interactie te gaan. Dit is met name het geval wanneer sommige van onze vestigingen, zoals die in Mortsel, België, zich in stedelijke gebieden bevinden. Wij gebruiken verschillende manie-ren om de lokale gemeenschappen te informeren over wat wij doen, vragen te beantwoorden en suggesties en ideeën voor te stellen en aan te horen om de mogelijke overlast te vermin-deren die via e-mail of het beschikbare gratis telefoonnummer aan Agfa wordt gemeld. Dit gebeurt door fysieke ontmoetingen met de gemeenschappen en vooral de laatste jaren door het gebruik van virtuele instrumenten, sociale media, website, enz. Agfa heeft ook een verte-genwoordiger aangesteld in de lokale milieuraad van de stad.
Agfa is ook regelmatig actief in lokale kennisuitwisselingsevenementen in masterclasses in scholen, in interactie met potentiële toekomstige werknemers op jobbeurzen enz. Dit helpt om discussies te bevorderen, een adequate talent funnel te creëren, in interactie te treden met lokale gemeenschappen en initiatieven voor sociale verantwoordelijkheid aan te moedigen. Naast transparante communicatie en proactieve betrokkenheid om te begrijpen welke proble-men moeten worden aangepakt, proberen wij waar mogelijk concrete steun te verlenen via donaties van geld, materialen of apparatuur.
Een ander aspect dat wij van nabij volgen en dat wij relevant achten als een weerspiegeling van onze algemene prestaties, is het aantal milieu-incidenten en -klachten. Incidenten zijn eenmalige gebeurtenissen zoals lekkages of lozingen, bijvoorbeeld door een machinestoring, terwijl klachten bijvoorbeeld door omwonenden worden ingediend over stank of lawaai komende van een van onze fabrieken. Wij streven ernaar deze voorvallen zoveel mogelijk te beperken door regelmatige controles en corrigerende maatregelen, afhankelijk van de ernst van het voorval. Hieronder volgt een overzicht van de evolutie in de tijd van dergelijke cijfers.
In 2022 ontvingen wij een groter aantal klachten over lawaai afkomstig van de fabriek in Mort-sel. Er zijn maatregelen genomen om deze aan te pakken, bijvoorbeeld door het gebruik van interne transportvoertuigen op bepaalde tijdstippen te beperken.
| Jaar | Incidenten | Klachten |
|---|---|---|
| 2013 | 20 | 22 |
| 2014 | 17 | 19 |
| 2015 | 19 | 18 |
| 2016 | 18 | 21 |
| 2017 | 31 | 17 |
| 2018 | 17 | 29 |
| 2019 | 20 | 17 |
| 2020 | 21 | 18 |
| 2021 | 19 | 21 |
| 2022 | 20 | 25 |
Wij geloven dat onderwijs, met perspectief voor de lange termijn, een van de sleutels is voor het bouwen aan een betere toekomst. Daarom ondersteunen we meerdere STEM-projecten (Science, Technology, Engineering and Mathematics – wetenschap, technologie, techniek en wiskunde) en gerelateerde initiatieven:
STEM-charter, België: http://stemcharter.be/charter.php
Wij leveren een bijdrage als STEM-ambassadeur en erkennen het belang van STEM voor de maatschappij nu en in de toekomst en stimuleren de passie en interesse voor STEM-opleidingen en -beroepen.
STEMfluencer, via essenscia Vlaanderen en Vlajo: https://www.essenscia.be/prioriteiten/talent/stemfluencers/wie-is-wie/
Wij zijn trotse deelnemers aan dit nieuwe project dat in 2021 werd gestart en waarbij enkele van onze werknemers (< 35) als STEM-influencers één of enkele gastlessen geven in het 1ste en 2de jaar van de middelbare school om bij de kinderen interesse te wekken in technologie en wetenschappen.
Duaal leren, via essenscia, België: https://www.essenscia.be/prioriteiten/talent/duaal-leren/
Duaal leren is geïntroduceerd in 2017 om studenten op te leiden voor banen in de chemische industrie door hen relevante stages te bieden. We hebben in de afgelopen jaren aan diverse studenten dergelijke kansen en begeleiding aangeboden.
Meer details over hoe we in interactie treden met onze gemeenschappen vindt u op Agfa's corporate website en via de sociale media.# Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
| Titel | 2022 | 2021 |
|---|---|---|
| Opbrengsten | 1.857 | 1.760 |
| Winst uit de bedrijfsactiviteiten (miljoen euro) | 42 | 31 |
| Aangepaste EBITDA ¹ (miljoen euro) | 104 | 94 |
¹ Voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten
| Titel | 2021 | 2022 |
|---|---|---|
| Resultaat over de periode | (223) | (14) |
Exclusief wisselkoerseffecten boekte de Agfa-Gevaert Groep een omzetgroei van 1%. De divisies HealthCare IT en Digital Print & Chemicals noteerden een omzetstijging, wisselkoerseffecten niet meegerekend. Vooral door prijsverhogingen bleef de omzet van Offset Solutions stabiel. In Radiology Solutions werden de medische filmactiviteiten sterk beïnvloed door de COVID-lockdowns in China.
De brutowinstmarge van de Groep bleef stabiel op 28,5% van de omzet, vooral door prijsverhogingen ter compensatie van de kostinflatie en door verstoringen van de toeleveringsketen. De aangepaste EBITDA werd beïnvloed door inflatiedruk, verstoorde toeleveringsketens en industriële inefficiënties in het vierde kwartaal. Onder invloed van de sterke post-COVID-kostinflatie daalde de brutowinstmarge van de HealthCare IT-divisie van 46,5% van de omzet in 2021 tot 45,2%. De aangepaste EBITDA-marge daalde van 13,8% tot 11%. In 2022 dreef de divisie de investeringen op in O&O en in commerciële middelen om de groei te stimuleren. De rendabiliteit van de divisie Radiology Solutions werd beïnvloed door volumedalingen, mixeffecten en kostinflatie. De brutowinstmarge van de divisie kwam uit op 32,1% van de omzet, tegenover 33,9% in 2021. De brutowinstmarge van de divisie Digital Print & Chemicals daalde van 26,3% van de omzet in 2021 tot 24,9%. Dit was vooral te wijten aan de sterke kostinflatie, door lagere volumes voor bepaalde activiteiten (waaronder industriële inkjet en producten voor de elektronica-industrie) onder invloed van de lockdowns in China en door logistieke uitdagingen. In het vierde kwartaal werden bijkomende kostenbesparingsmaatregelen genomen in functie van de economische realiteit. Ondanks de kostinflatie verbeterde de brutowinstmarge van de Offset Solutions-divisie van 20,4% van de omzet in 2021 tot 22,7% door de prijsaanpassingen en de focus op regio’s met een hoge waarde. De aangepaste EBITDA verbeterde sterk tot 35,7 miljoen euro. Bovenop de zware transformatie-inspanningen hadden ook waardeverminderingen in Radiology Solutions (73 miljoen euro) en Offset Solutions (41 miljoen euro) een sterke invloed op de reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten. Dit leidde tot een last van 192 miljoen euro, tegenover 33 miljoen euro in 2021. De netto financieringskosten van de Groep bedroegen 19 miljoen euro. De belastingkosten stegen tot 42 miljoen euro tegenover 15 miljoen euro in 2021, vooral door bijkomende belastinglasten i.v.m. de afsplitsing van Offset Solutions en de waardevermindering van uitgestelde belastingvorderingen i.v.m. de prestatie van Radiology Solutions en de Offset Solutions-transactie. De Agfa-Gevaert Groep noteerde een nettoverlies van 223 miljoen euro.
Eind 2022 bedroegen de totale vaste activa 1.756 miljoen euro, tegenover 2.095 miljoen euro eind 2021.
Hoewel de Groep het werkkapitaal kon verminderen van 31% van de omzet in het derde kwartaal van 2022 tot 28% in het vierde kwartaal, bleef dit boven het niveau van eind 2021 (26%). In absolute cijfers evolueerde het werkkapitaal van 449 miljoen euro aan het einde van 2021 tot 523 miljoen euro, mede door het effect van de overname van Inca Digital Printers aan het jaareinde (19 miljoen euro).
De netto financiële schuld (inclusief IFRS 16) evolueerde van een kasoverschot van 325 miljoen euro aan het einde van 2021 tot een kasoverschot van 72 miljoen euro, gedeeltelijk door de impact van de Inca-overname en het aandeleninkoopprogramma.
Na een eerste buy-in-transactie voor de pensioenregeling in het Verenigd Koninkrijk in 2021 heeft een aanvullende buy-in-transactie plaatsgevonden die leidt tot een volledige de-risking van de pensioenregeling in het Verenigd Koninkrijk, zonder extra cashbijdragen. Er werd een sterke daling van de nettopensioenverplichtingen (materiële landen) genoteerd: een positieve impact van 177 miljoen euro tegenover eind 2021 werd genoteerd.
In 2022 bedroeg het eigen vermogen 561 miljoen euro, tegenover 685 miljoen euro eind 2021.
Over het volledige jaar 2022 gebruikte de Groep een vrije kasstroom van 127 miljoen euro.
Over het algemeen verwacht de Agfa-Gevaert Groep voor het volledige jaar 2023 een herstel van de rendabiliteit tegenover 2022. Verwacht wordt dat de groeistrategie van de HealthCare IT-divisie in 2023 een omzetstijging zal opleveren, evenals een groei van de aangepaste EBITDA met dubbele cijfers. Voor de divisie Radiology Solutions wordt stabiliteit verwacht, met een voortdurende druk op de marges van medische film. De vooruitgang voor Direct Radiography die in de tweede helft van 2022 werd geboekt, zal zich naar verwachting doorzetten. Tot slot verwacht de divisie Digital Print & Chemicals een herstel van de rendabiliteit op basis van prijsacties, van acties ter verbetering van de kosten en van een positieve bijdrage van de Inca-overname en van de Zirfon-membranen. De omzet van Zirfon zal sterk blijven groeien.
| Titel | Dec. 2021 | Dec. 2022 |
|---|---|---|
| Vaste activa | 2.095 | 1.756 |
| Verplichtingen | 1.339 | 1.153 |
| Vlottende activa | 1.409 | 1.195 |
| Eigen vermogen | 685 | 561 |
| Titel | 2021 | 2022 |
|---|---|---|
| Handelswerkkapitaal (miljoen euro/% van de omzet) | 449 (26%) | 523 (28%) |
| Netto financiële schuld (cash) (miljoen euro) | (325) | (72) |
De jaarrekening zoals ze zal worden voorgelegd aan de Algemene Vergadering van 9 mei 2023, werd door de Raad van Bestuur aan de waarderingsregels getoetst en in die vorm goedgekeurd. Aan de Algemene Vergadering zullen de hierna volgende punten in het bijzonder ter goedkeuring worden voorgelegd:
De jaarrekening sluit met een verlies voor het boekjaar 2022 van 6.045.693,85 euro. De Raad van Bestuur stelt vast uit de resultatenrekening dat de Vennootschap in twee opeenvolgende jaren een verlies heeft geleden. Artikel 3:6 §1 6° van het Wetboek van Vennootschappen vereist dat de Raad van Bestuur de waarderingsregels in de veronderstelling van continuïteit verantwoordt. Aangezien echter de continuïteit van een houdstervennootschap, zoals Agfa-Gevaert NV, in hoofdzaak afhankelijk is van deze van de geconsolideerde groep in haar geheel, verwijst de Raad van Bestuur naar de cash positie op groepsniveau alsook naar de nog beschikbare kredietfaciliteiten op balansdatum. Er wordt voorgesteld om dit verlies toe te wijzen aan het overgedragen resultaat. Hierdoor bedraagt het overgedragen resultaat minus 502.305.718,19 euro.
In 2022 realiseerde de Vennootschap een omzet van 415,6 miljoen euro. Dit is tegenover de omzet van 2021 (409,8 miljoen euro) een stijging met 1,4%. Deze stijging wordt verklaard door een stijging van de prijzen (+1,6%), een positief wisselkoersverschil (+3,4%) en een volume/mix daling (-3,6%). Het bedrijfsverlies bedraagt voor 2022 71,1 miljoen euro. Dit is een daling tegenover 2021 met 30,1 miljoen euro. Het financieel resultaat is 101,9 miljoen euro gunstiger dan in 2021, waardoor het verlies van het boekjaar voor belasting uitkomt op minus 4,8 miljoen euro (2021: -136,9 miljoen euro). Na de belastingen op het resultaat (2022: -1,2 miljoen €, 2021: +0,0 miljoen euro) komt het verlies van het boekjaar op minus 6,0 miljoen euro (2021: -136,8 miljoen euro). Dit is tevens het te bestemmen resultaat van het boekjaar. Dit is tegenover 2021 een afname van het verlies met 130,8 miljoen euro. De Vennootschap besteedde in België in 2022 11,6 miljoen euro aan onderzoek en ontwikkeling. In 2022 is het personeelsaantal van Agfa-Gevaert NV in België met 164 eenheden gedaald tot 1.779 personeelsleden per 31 december 2022. Deze daling is de resultante van de aanwerving van 109 medewerkers, terwijl 273 medewerkers het bedrijf verlieten.
Aan de top met Medical Imaging IT Software
Agfa HealthCare zet zich sinds 2020 exclusief in voor Enterprise Imaging. De onderneming was de eerste in de sector die van nul een platform opbouwde. Het momentum in de marktadoptie van haar Enterprise Imaging Platform is duidelijk zichtbaar door de toenemende overeenkomsten die de onderneming sloot. Toonaangevende zorgsystemen selecteren het platform om een echt beeldvormingsdossier (Imaging Health Record™ of IHR) te creëren. Met haar Enterprise Imaging Platform biedt Agfa HealthCare een veilig, doeltreffend, modulair en schaalbaar beheer van beeldvormingsgegevens. De onderneming begeleidt zorgverleners strategisch bij de overgang van op volume gebaseerde beeldvorming naar op meerwaarde gebaseerde beeldvorming, ze ondersteunt groei, vermindert complexiteit en redundantie en verbetert de zorgverlening en de ervaringen van artsen. De implementatie van het Agfa HealthCare Enterprise Imaging Platform maakt de creatie van een IHR mogelijk, afgestemd op en ter vervollediging van de strategie op het vlak van het elektronisch patiëntendossier van de zorginstelling.
| Titel | 2022 | 2021 |
|---|---|---|
| Omzet | 1.857 | 1.760 |
| % evolutie (excl. wisselkoerseffecten) | 1 |
Het orderboek van HealthCare IT blijft op een zeer gezond niveau. De divisie noteerde tegenover het voorgaande jaar een groei van 18% in de 12 maanden lopende order intake, met een stijging van de hoogwaardige business (eigen software) met 23%. Door het toegenomen momentum in de tweede jaarhelft groeide de omzet van HealthCare IT in Noord-Amerika en Europa tegenover het voorgaande jaar. De groei werd aangedreven door de omzeterkenning in het kader van een aantal belangrijke contracten, evenals door de stabilisatie van de recurrente omzet. Onder invloed van de sterke post-COVID kostinflatie, daalde de brutowinstmarge van de divisie van 46,5% van de omzet in 2021 tot 45,2%. De aangepaste EBITDA-marge daalde van 13,8% tot 11,0%. In 2022 dreef de divisie de investeringen op in O&O en in commerciële middelen om de groei te stimuleren. 2022 was een jaar van consolidatie, aangezien de focus verschuift in de richting van rendabele groei. Zoals aangetoond door de positieve ontwikkeling van de order intake werpt de strategie van de divisie om zich te richten op klantsegmenten en geografische gebieden waarvoor haar Enterprise Imaging-oplossing het meest geschikt is en om prioriteit te geven aan inkomstenstromen met een hogere waarde vruchten af. Deze strategie zal de divisie uiteindelijk in staat stellen om de beoogde EBITDA-groei te bereiken: beginnend van een percentage van om en bij de 5% in 2019 tot percentages die de 20% benaderen de komende jaren.
Agfa HealthCare’s Medical Imaging IT Solutions staan voor zorgaanbieders over de hele wereld gelijk met betrouwbaarheid en efficiëntie. Met innovatie als deel van zijn DNA en met meer dan 100 jaar ervaring, werd Agfa HealthCare in het begin van de jaren 1990 een van de eerste ondernemingen die radiologieafdelingen een Picture Archiving and Communication System (PACS) konden aanbieden voor het efficiënt opslaan, beheren, verwerken en verdelen van digitale medische beelden. Nu zorgnetwerken steeds groter worden en de nood aan hogere productiviteit en betere zorgverlening toeneemt, begrijpen zorgaanbieders dat het van cruciaal belang is om alle met beeldvorming samenhangende informatie efficiënt te kunnen capteren, verzamelen, delen en ontginnen. Overal ter wereld beginnen zorgorganisaties te zoeken naar een meer geïntegreerde beeldvormingsstrategie en naar manieren om hun gefragmenteerde, redundante en afzonderlijke Imaging IT-oplossingen in een meer eengemaakte ondernemingsbrede aanpak te consolideren op basis van schaalbaarheid en systematiek. Agfa HealthCare anticipeerde op deze vraag en in 2014 was het opnieuw een pionier toen het zijn toonaangevende Enterprise Imaging Platform op de markt bracht. Het eengemaakte Enterprise Imaging Platform creëert een echt longitudinaal beeldvormingsdossier voor elke patiënt ter vervollediging van de patiëntendossierstrategie van de klanten. Het is bedoeld om niet alleen te dienen voor radiologie en cardiologie, maar ook voor de talrijke andere afdelingen en diensten in de zorgonderneming die verschillende vormen van medische beelden genereren.
Een van de topprioriteiten van Agfa HealthCare is de focus op het creëren van ‘flow’ – het vermogen van radiologen en clinici om door de ruis heen te breken en zich te concentreren op het uiteindelijke doel van hun taak: snel een juiste diagnose stellen en deze aan de juiste mensen communiceren. Via Agfa HealthCare’s Enterprise Imaging Platform zijn beelden en de daarmee samenhangende gegevens onmiddellijk beschikbaar in het hele ziekenhuis, de hele zorgorganisatie en zelfs in alle zorgcentra van een regionaal netwerk. Zo versnelt het Enterprise Imaging Platform de diagnose, verbetert het de patiëntenzorg, versnelt het de samenwerking over specialiteiten en systemen heen, verbetert het de ervaring en de tevredenheid van de arts en de patiënt en ondersteunt het de business en de klinische en operationele kwaliteit van het zorgsysteem. Deze geconvergeerde dienstenaanpak helpt clinici en niet-clinici zolang als nodig in hun ‘flow’ te blijven. Van de ontwikkeling tot de installatie zijn Agfa HealthCare’s toonaangevende Imaging IT-softwaresystemen erop gericht om hulp te bieden bij het managen van de complexiteit en om zorgaanbieders te helpen om hun klinische, operationele en zakelijke strategieën uit te voeren.
Agfa HealthCare werd opgenomen in de leiderscategorie van de IDC MarketScape Vendor Assessment voor Europa en de Verenigde Staten. Zo kreeg de onderneming erkenning voor haar sector expertise, analytische mogelijkheden en integratiemotor.
De KLAS Research 2022 Europe PACS Report noemde Agfa HealthCare bij de best presterende ondernemingen op het vlak van klantentevredenheid. In het rapport wordt bevestigd dat Agfa HealthCare een van de meest uitgebreide voetafdrukken heeft, met een sterke klantenbasis. In het oog springen de implementaties in het Verenigd Koninkrijk en Ierland en de hoge tevredenheidsgraad in de thuisregio van de onderneming, de Benelux. (1) In het Midden-Oosten is Agfa HealthCare volgens KLAS Research een van de meest overwogen leveranciers, met een sterke ondersteuning die leidt tot een trouw klantenbestand. (2) In zijn meest recente Enterprise Imaging Report meldt KLAS Research dat klanten van Agfa HealthCare de toegenomen betrokkenheid en inzet van het management en het sterke technologieaanbod waarderen. Meer specifiek over zijn Vendor Neutral Archive (VNA) en Universal Viewer (UV), stelt het rapport dat de klanten Agfa HealthCare's aanbod als sterk, stabiel en gebruiksvriendelijk beschouwen. In het afgelopen jaar werden deze gamma's uitgebreid naar bijkomende servicelijnen, vooral met cardiologie en point-of-care echografie. (3)
(1), (2), (3) Geselecteerde commentaar verzameld over Agfa HealthCare
(1) KLAS ® Europe PACS 2022
(2) KLAS ® Middle East & Africa PACS 2022
(3) KLAS ® Enterprise Imaging 2022
© 2022 KLAS. Bezoek klasresearch.com voor een compleet overzicht.
Op RSNA 2022 ontving Agfa HealthCare voor de tweede keer de prestigieuze erkenning van Cybersecurity Transparent Leader, toegekend door KLAS Research en Censinet. De erkenning als Cybersecurity Transparent Leader is een bewijs van Agfa HealthCare's engagement tegenover zijn klanten om hen te ondersteunen bij het leveren van veilige en beveiligde patiëntenzorg.
In 2022 bleef Agfa HealthCare zorgorganisaties overtuigen van de vele voordelen van zijn platformbenadering van Enterprise Imaging. Talrijke toonaangevende zorgsystemen, waaronder grote gerenommeerde zorgorganisaties in de VS, kozen voor Agfa HealthCare's Enterprise Imaging Platform dat een echt Imaging Health Record creëert.
800+
Agfa HealthCare’s Enterprise Imaging Platform is in gebruik in meer dan 800 zorgvestigingen over de hele wereld. De XERO Universal Viewer van de onderneming ondersteunt de uitgebreide zorgsamenwerking in bijna 400 zorgorganisaties.
Het Zuckerberg San Francisco General Hospital (ZSFG) in Californië, VS, heeft onlangs een upgrade uitgevoerd naar versie 8.2 van Agfa HealthCare's Enterprise Imaging Platform. De oplossing lost de uitdagingen van radiologen op, helpt hen uitstekende zorg te leveren met een verhoogde productiviteit en verbetert het welzijn op de werkplek. Zuckerberg San Francisco General Hospital and Trauma Center is een gemeenschapsziekenhuis en een Level 1 traumacentrum dat samenwerkt met de University of California San Francisco (UCSF) voor klinische training en onderzoek.
Agfa HealthCare en Noordwest Ziekenhuisgroep hebben hun strategische samenwerking verruimd en het geconsolideerde Enterprise Imaging Platform verder uitgebreid met de RUBEE™ for AI Augmented Intelligence-portfolio. Deze versterkte samenwerking ondersteunt Noordwest Ziekenhuisgroep in haar voortdurende engagement om de zorgverstrekking verder te optimaliseren en stelt de zorgverstrekker en Agfa HealthCare in staat om samen te werken aan het terugdringen van de groeiende zorgkosten. Noordwest Ziekenhuisgroep is een vooraanstaande zorgorganisatie met vijf vestigingen in het noordwesten van Nederland.
“We werken al sinds 2005 met Agfa HealthCare, dus we hebben samen al een lange weg afgelegd. We hebben er vertrouwen in dat Agfa HealthCare ons steunt in onze voortdurende ambitie om 'alle zorg voor alle patiënten en alle beelden die overal toe- gankelijk zijn' te leveren."
— V. B.. , Radiology IT Supervisor van het Zuckerberg San Francisco General Hospital
"Wij zijn zeer tevreden over onze jarenlange samenwerking met Agfa HealthCare. Deze ervaring maakte het voor ons logisch om een nieuwe overeenkomst met hen aan te gaan. Samen kunnen we ervoor zorgen dat de patiëntenzorg verder geoptimaliseerd wordt, wat onze belangrijkste doelstelling is."
— J. D. , Lid van de Raad van Bestuur van Noordwest Ziekenhuisgroep
De Estse Pildipank en Agfa HealthCare versterken en verbreden hun relatie door het nationale Picture Archiving Communication System (PACS) over te zetten naar het Enterprise Imaging Platform. Nieuwe functionaliteiten zullen belangrijke voordelen opleveren, waaronder geavanceerde weergavemogelijkheden, verbeterde samenwerking tussen zorgverleners, minder IT-complexiteit en onderhoud en beter geïnformeerde besluitvorming.# Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
Dankzij Pildipank kunnen alle zorginstellingen in Estland één enkele omgeving delen voor het uitwisselen, archiveren en raadplegen van medische beelden. King Abdullah Medical City (KAMC) in Makkah, al lang een klant van Agfa HealthCare, breidde zijn vroegere Agfa HealthCare-beeldbeheersysteem uit met Enterprise Imaging. Dankzij dit geconvergeerde platform kon het ziekenhuis de patiëntenzorg verbeteren met een brede waaier aan tools die de rapportering versnellen, de productiviteit van de radiologieafdeling verhogen en het evenwicht tussen werk en privéleven van de radiologen verbeteren. Het KAMC is een gespecialiseerde zorginstelling die de hoogste kwaliteitsnormen en een uitstekende patiëntenzorg nastreeft. “Vanaf het begin was Agfa HealthCare in staat om een systeemarchitectuur en -ontwerp te ondersteunen die aan onze KPI’s voldeden en onze andere investeringen optimaal benutten. Maar even belangrijk als de technologie is het sterke engagement van Agfa HealthCare op het vlak van service en partnerschap."
, Bestuurslid van Pildipank
“Enterprise Imaging ondersteunt een betere balans tussen werk en privé voor de radiologen, terwijl ze het hoogste niveau van patiëntenzorg, kwaliteit van dienstverlening en rapportage blijven leveren. Bovendien maakt de toegang op afstand een snellere respons mogelijk voor noodgevallen tijdens de nacht of het weekend."
. , Hoofd radiologie van het KAMC
Agfa’s divisie Radiology Solutions gebruikt nieuwe technologieën en traditionele knowhow om medische beeldvormingsoplossingen te creëren die zorgverstrekkers nieuwe inzichten geven en die voldoen aan de steeds veranderende noden van de zorgsector. Door hen te ondersteunen bij elke stap in het traject van de patiënt, helpt Agfa zijn klanten om de kwaliteit en de efficiëntie van hun patiëntenzorg te verbeteren.
| MILJOEN EURO | % evolutie (excl. wisselkoerseffecten) | |
|---|---|---|
| Omzet | 378 | -10,2% (-6,2%) |
| Aangepaste EBITDA (*) | 37,9 | -11,7% |
| % van de omzet | 10,0% | 9,7% |
| Aangepaste EBIT (*) | 11,7 | -30,5% |
| % van de omzet | 3,1% | 2,4% |
(*) Voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten.
De medische filmbusiness ondervond de impact van de COVID-lockdowns, vooral in China. Voorts hadden ook de geopolitieke toestand en de lager dan normale volumes in bepaalde exportmarkten een invloed. De marktgedreven omzetdaling voor Computed Radiography werd nog versterkt door de huidige geopolitieke situatie en door componententekorten. Agfa blijft de CR-business beheren met het oog op het behouden van gezonde winstmarges. Volgend op een aantal mindere kwartalen, begon de omzet van Direct Radiography terug aan te trekken in de tweede jaarhelft. Een sterke omzetgroei werd genoteerd in ASPAC en LATAM. In een aantal landen in die regio's werden primeurs gerealiseerd met verschillende systemen, waaronder high-end modaliteiten en de recent geïntroduceerde VALORY TM - röntgenkamer. Onlangs zag de DR-markt de intrede van verscheidene nieuwe concurrenten met goedkope oplossingen. Het orderboek voor DR blijft sterk, weliswaar met langere conversietermijnen die worden beïnvloed door de toeleveringsomstandigheden. Over het hele jaar gezien, werd de rendabiliteit van de divisie beïnvloed door volumedalingen, mixeffecten en kostinflatie. Agfa onderneemt acties (right-sizing van de organisatie, verhuizingen, kostenbeheersingsacties, prijsverhogingen, netto werkkapitaalacties) om de flexibiliteit van de business te vergroten en om hem beter aan te passen aan de huidige marktomstandigheden.
Zorgorganisaties rapporteren dat Agfa’s DR-systemen en MUSICA ® -software hen in staat stellen om de röntgenstralingsdoses met maximaal 60% (1) te verminderen en hun productiviteit met 30% te verhogen.
Agfa is een wereldwijde aanbieder van traditionele röntgenfilm, hardcopyfilm en -printers, digitale radiografieapparatuur en beeldverwerkingssoftware. De oorsprong van Agfa ligt in de traditionele medische beeldvorming, maar in de hedendaagse zorgsector is digitale radiografie de dominante technologie geworden. Door de concurrentie van de diagnose op beeldscherm gaat ook de markt voor hardcopyfilm – waarop digitale beelden afgedrukt worden – achteruit in de VS en in West-Europa. In de opkomende markten blijft dit marktsegment echter groeien. Naast hardcopyfilm levert Agfa ook hardcopy-printers. Deze systemen geven clinici de mogelijkheid om digitale beelden af te drukken die gemaakt zijn met radiografieapparatuur en met andere modaliteiten, zoals CT- en MRI-scanners.
Agfa heeft over de hele wereld meer dan 9.000 DR-systemen geïnstalleerd. Samen staan ze elke dag in voor meer dan 500.000 beeldvormingsonderzoeken.
(1) Tests met gecertificeerde radiologen hebben uitgewezen dat cesiumbromidedetectoren (CR) en cesiumiodidedetectoren (DR), indien gebruikt met MUSICA ® -beeldverwerking, dosisverminderingen tussen 50 en 60% kunnen opleveren, vergeleken met traditionele CR-systemen op basis van bariumfluorobromide. Neem contact op met Agfa voor meer details.
In het segment van de digitale radiografie is Agfa actief met technologie voor computed radiography (CR) en direct radiography (DR). Doordat het compatibel is met traditionele radiografieapparatuur, biedt CR ziekenhuisafdelingen die intensief met beelden werken een betaalbare instap in de digitale beeldvorming. DR wordt vaak gekozen door ziekenhuisafdelingen die een hogere capaciteit en de onmiddellijke beschikbaarheid van kwaliteitsvolle digitale beelden eisen. Bovendien maakt mobiele DR-apparatuur beeldonderzoeken aan het ziekenhuisbed mogelijk, bijvoorbeeld in spoedafdelingen of intensieve zorgafdelingen. Veel ziekenhuizen combineren CR en DR om tegemoet te komen aan al hun noden op het vlak van röntgenonderzoek. Als technologische leider voor beide vakgebieden is Agfa als geen ander in staat om zorgcentra die willen investeren in digitale beeldvorming oplossingen op maat aan te bieden. Alle CR- en DR-systemen van Agfa werken met de toonaangevende MUSICA®-beeldverwerkingssoftware en het MUSICA®-werkstation voor beeldidentificatie en -acquisitie en kwaliteitscontrole. Agfa's SmartXR® brengt intelligentie naar digitale radiografieapparatuur op de plaats van de zorgverstrekking: nog voor het beeld gemaakt is. Het helpt de radiologielaborant door een aantal taken te vereenvoudigen en te automatiseren. Op die manier kunnen de laboranten sneller werken, met meer aandacht voor de patiënt.
Eind 2021 stelde Agfa zijn nieuwe digitale radiografiekamer VALORY TM voor tijdens het RSNA-evenement. VALORY TM biedt een eenvoudig ontwerp met functionaliteiten die veel verder dan de ‘basics’ gaan. Het brengt betrouwbaarheid, productiviteit en foutloze beeldvorming binnen het bereik van elk ziekenhuis. VALORY TM is een ideale back-up voor grote ziekenhuizen en het is ideaal als primair röntgensysteem voor kleinere zorgcentra waarvoor betrouwbaarheid geen optie maar een must is. Met VALORY TM bewijst Agfa dat ‘eenvoud’ niet gelijk is aan ‘basic’.
2022 was een jaar vol uitdagingen voor ondernemingen actief in de gezondheidszorgsector. In China, bijvoorbeeld, konden mensen door de lockdowns vaak niet in ziekenhuizen terecht voor onderzoeken en behandelingen die niet met COVID verband hielden. In andere regio's bleef de post-COVID-marktcontext volatiel, aangezien zorgverleners geconfronteerd bleven met operationele uitdagingen die een invloed hadden op uitgavenbeslissingen op korte termijn, terwijl zij tegelijkertijd hun investeringsprioriteiten voor de korte en middellange termijn moesten herzien. Dit had vooral een invloed op Agfa’s DR-activiteiten. Ondanks deze moeilijke omstandigheden besliste een groot aantal ziekenhuizen en ziekenhuisgroepen om te investeren in Agfa’s radiografiesystemen. Aan het einde van het jaar waren er wereldwijd meer dan 100.000 hardcopy-printers van het type DRYSTAR en meer dan 89.000 digitale radiografieoplossingen van Agfa geïnstalleerd, allemaal inclusief het MUSICA® Nerve Center en de MUSICA®-beeldverwerkingssoftware.
Aleris-Hamlet is de grootste leverancier van particuliere gezondheidszorg in Denemarken, met zeven ziekenhuizen in het hele land. Onlangs besloot de groep een VALORY TM DR-kamer te installeren in haar ziekenhuis in Aalborg, evenals een DR 400-kamer in haar ziekenhuis in Aarhus. Aleris-Hamlet werd daarmee de eerste organisatie in Europa die VALORY TM heeft geïmplementeerd.
Spire Healthcare, een van de grootste Britse verstrekkers van private gezondheidszorg, koos Agfa's DR-systemen, aangedreven door MUSICA®-software, voor een aanzienlijk aantal van zijn 40 ziekenhuizen. Het langetermijncontract zal naar verwachting meer dan 60 mobiele en vaste DR-systemen omvatten, die een hoge beeldkwaliteit, een lage dosis en een intuïtieve workflow bieden.“Agfa's oplossingen voor digitale beeldvorming bieden een uitstekende beeldkwaliteit voor een brede waaier van toepassingen, waardoor we de tevredenheid van patiënten en verwijzende artsen kunnen verhogen en ons aanbod voor zakelijke partners kunnen versterken."
, Ziekenhuismanager, Aleris-Hamlet Aalborg
“We gebruikten Agfa DR al in twee van onze vestigingen en we waren zeer tevreden met de resultaten; ze leveren de hoge beeldkwaliteit, de lage dosis en de intuïtieve workflow die we nodig hebben om onze patiënten uitstekende gepersonaliseerde zorg te bieden."
, Head of Procurement van Spire Healthcare
“Als jarenlange klant van Agfa weten we dat we kunnen vertrouwen op de service en ondersteuning van Agfa en op de kwaliteit van hun oplossingen. De DR 600 levert klinische en workflow-voordelen op voor onze drukke praktijk."
. , Orthopedisch chirurg en eigenaar van Sushrushah Hospitals
“Met de DR 600-kamers is de patiëntenstroom veel sneller – de patiënten zijn zelfs verbaasd over hoe snel het gaat. Bovendien leveren de kamers de superieure beeldkwaliteit die onze clinici nodig hebben."
, Specialty Manager General and Fluoroscopy Radiology voor de Trust
Agfa’s divisie Digital Print & Chemicals is een toonaangevende leverancier van digitale drukoplossingen voor sign & display-toepassingen en industriële markten en voor klanten actief in de energiesector en verscheidene niche-industrieën. De divisie ontwikkelt, produceert en verkoopt hypermoderne inkjetdrukapparatuur en -software en een breed gamma van erg gespecialiseerde inkten voor specifieke toepassingen. Voorts levert de divisie klanten in verschillende industriële markten een breed gamma van films, gecoate producten, chemicaliën en innovatieve membranen voor de productie van groene waterstof.
| MILJOEN EURO | 2021 | 2022 | % evolutie (excl. wisselkoerseffecten) | |
|---|---|---|---|---|
| Omzet | 306 | 298 | -2.6% (-2.3%) | |
| Aangepaste EBITDA (*) | 13.7 | 15.0 | -8.7% | |
| % van de omzet | 4.5% | 5.0% | ||
| Aangepaste EBIT (*) | (3.6) | 0.7 | ||
| % van de omzet | -1.2% | 0.2% |
(*) Voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten.
Op het vlak van digitaal drukken, groeide de omzet van de sign & display business sterk. De inktproductlijnen voor sign & display-toepassingen presteerden het hele jaar door sterk. Ondanks industriebrede logistieke uitdagingen voor de high-end apparatuur, boekten onze activiteiten op het vlak van apparatuur voor grootformaatdruk een stevige omzetgroei. Op het gebied van industriële inkjet, werden de decordrukactiviteiten beïnvloed door de verzwakkende conjunctuur, aangezien klanten hun investeringen in hun digitalisatieproces uitstellen. De volumes van de OEM-inkten gingen achteruit door de lockdowns in China, de onstabiele geopolitieke situatie en de zwakke conjunctuur. De omzetcijfers voor de Zirfon-membranen voor geavanceerde alkaline elektrolyse groeien volgens plan en de productie werd opgeschaald naar een stabiel regime. In 2022 is het aantal actieve klanten voor Zirfon toegenomen tot meer dan 100. Op 7 maart 2023 valideerde de Raad van Bestuur een investering in een nieuwe industriële eenheid voor de productie van Zirfon-membranen in Agfa’s vestiging in Mortsel, België. Dit zal de Groep in staat stellen om zich voor te bereiden op de verwachte verdere toename van de vraag. De zwakte in de elektronica-industrie en de lockdowns in China hadden een impact op de volumes van de geleidende Orgacon-materialen en van de producten voor de productie van gedrukte schakelingen. Agfa’s business op het vlak van specialty film and foil products bleef stabiel tegenover 2021. De brutowinstmarge van de divisie daalde van 26,3% van de omzet in 2021 tot 24,9%. Dit was vooral het gevolg van de sterke kostinflatie, lagere volumes voor bepaalde activiteiten (waaronder industriële inkjet en producten voor de elektronica-industrie) onder invloed van de lockdowns in China en logistieke uitdagingen. In het vierde kwartaal werden bijkomende kostenbesparingsmaatregelen genomen in functie van de economische realiteit. Omdat prijsacties in 2022 nog niet volstonden om de kostinflatie teniet te doen, voerde Agfa met ingang van 1 januari 2023 wereldwijd prijsverhogingen met dubbele cijfers door in zijn Digital Print & Chemicals-portfolio.
De Jeti Tauro H3300 UHS LED is Agfa’s snelste multi-pass inkjetpers. Bijgenaamd ‘the Beast’, bedrukt hij tot 3,3 m brede media in vier of zes kleuren aan snelheden tot 905 m²/uur.
Agfa wil het gebruik van inkjet in verschillende industrieën stimuleren. Het stelt grafische en goederenproducerende industrieën in staat om veelzijdiger en efficiënter te worden door het innovatieve gebruik van inkjetprinttechnologie door hun ervaringen, behoeften en uitdagingen te analyseren en door actief met hen en met industrie-experts samen te werken. Agfa's inkjetportfolio bestaat uit zelf ontworpen en ontwikkelde ultramoderne inkjetprinters, inkten en software – zowel in de vorm van complete en perfect op elkaar afgestemde drukoplossingen, als in de vorm van op maat gemaakte componenten die geïntegreerd zijn in een breder industrieel productieproces. Aanbieders van sign & display-drukwerk en goederenproducerende industrieën die digitaal moeten drukken, gebruiken Agfa's oplossingen voor het drukken op een brede waaier van substraten voor een steeds groter wordende reeks toepassingen, zoals uithangborden, displays, reclameborden, promotiemateriaal, verpakkingen, lederwaren, gelamineerde vloeren en decoratieve materialen. Voor veel toepassingen is inkjet het belangrijkste alternatief geworden voor zeefdruk, gegraveerdruk en flexodruk omdat het unieke personalisatiemogelijkheden biedt, evenals kortere oplagen en just-in-time drukken. Zo breidt de technologie het aanbod van bedrijven uit, terwijl hij ook de doorlooptijden verkort en zorgt voor minder afval en een reductie van het werkkapitaal.
Agfa's Onset X3 HS haalt een duizelingwekkende druksnelheid tot 1.450 m²/uur. Deze pagina- brede inkjetpers draait op Agfa's eigen Onset 560-inktset. Hij wordt geleverd met verscheidene automatiseringsopties, zoals robots, die zorgen voor een snelle doorlooptijd.
Agfa ontwikkelt en produceert zijn inkjetinkten zelf, zodat ze perfect afgestemd zijn op zowel de printers waarin ze gebruikt worden als op specifieke materialen en printtoepassingen. Veel van deze inkten zijn GREENGUARD Gold-gecertificeerd, wat betekent dat ze voldoen aan 's werelds strengste normen op het vlak van chemische uitstoot en dat ze gebruikt kunnen worden in gevoelige binnenomgevingen zoals scholen en zorginstellingen.
Efficiëntie en automatisering zijn sleutelwoorden in de hedendaagse drukkerijen. Agfa's high-end printers zijn uitgerust met geavanceerde automatiseringsopties voor het laden en ontladen van druksubstraten – zelfs met robots. Ook Agfa's workflowsoftware draagt bij tot een meer geautomatiseerd productieproces. Deze software stroomlijnt digitale printworkflows door het beperken van manuele interventies (en dus fouten). Voorts zorgt hij voor een beperking van de stilstanden en voor minder verspilling van media. Een intuïtief dashboard met productieoverzicht zorgt voor een efficiënte planning en opvolging van opdrachten. Tot slot hecht Agfa veel belang aan een goede service voor zijn klanten. De onderneming beschikt over een team van deskundige ingenieurs over de hele wereld en over online monitoring tools die snelle interventies op afstand mogelijk maken. Geavanceerde opleidingsprogramma's en feedbacksessies zorgen ervoor dat drukkerijen de Agfa-oplossingen met vertrouwen kunnen gebruiken en altijd up-to-date blijven.
In 2022 nam Agfa Inca Digital Printers over. Inca is een in Cambridge, VK, gevestigde toonaangevende ontwikkelaar en producent van geavanceerde ultrasnelle druk- en productietechnologieën voor sign- en displaytoepassingen, alsook voor de snel groeiende markt van digitaal drukken voor verpakkingen. De overname versterkt Agfa's positie op het vlak van digitaal drukken aan hoge snelheden en zorgt voor een bijkomende focus op de markten voor verpakkingsdrukwerk. Inca is een ideale partner voor Agfa met een complementaire portfolio van drukoplossingen van het hoogste niveau en een sterk technologisch platform om robuuste single-pass drukpersen voor de verpakkingsmarkt te lanceren.# Digital Print & Chemicals
De overname omvat de portfolio van bestaande hogesnelheids-multipass-printers, inclusief een sterke serviceorganisatie, een nieuw ontworpen lijn van single-pass-printers voor verschillende verpakkingstoepassingen, wat een essentieel onderdeel is van Agfa's op groeimarkten gerichte bedrijfsstrategie, alsook de gezamenlijke ontwikkeling van een in-line printer in samenwerking met de toonaangevende golfkartonfabrikant BHS Corrugated. Vincent Wille, President van Agfa’s divisie Digital Print & Chemicals: “De combinatie van Inca Digital’s knowhow op het vlak van productie en Agfa’s inkten, technische expertise, wereldwijde aanwezigheid en uitstekende servicenetwerken maakt van deze stap een uitzonderlijke kans om te groeien in de snel veranderende verpakkingsbusiness. We kunnen nu onze positie innemen met high-end en ultrasnelle systemen in de sign & display-markt en in de in ontwikkeling zijnde karton- en golfkartonmarkten.”
In 2022 groeide Agfa's sign & display-business sterk, ondanks sectorbrede uitdagingen, zoals tekorten aan componenten. De grootformaatprinters Anapurna, Jeti, Avinci en Oberon bleven sign & display-drukkers over de hele wereld overtuigen van hun uitstekende printkwaliteit en hoge productiesnelheden. De speciale Asanti-workflowsoftware – die de werkzaamheden stroomlijnt en kleurconsistentie garandeert – wordt door klanten vaak genoemd als een belangrijk voordeel ten opzichte van alternatieve opties. In het derde kwartaal verkocht de onderneming de eerste door het recent overgenomen Inca Digital Printers ontworpen Onset-machines onder de Agfa-merknaam. Op het vlak van industrieel drukken ontving Agfa verscheidene bestellingen voor zijn nieuwe InterioJet 2250i-systeem voor het bedrukken van decorpapier voor binnenhuisinrichting, zoals laminaatvloeren en meubilair. Tegen het einde van het jaar begon deze business de impact van het verzwakkende economische klimaat te voelen, aangezien klanten investeringen in hun digitaliseringsproces begonnen uit te stellen.
Agfa's inkjetprinters veroverden niet minder dan vijf Pinnacle Product Awards van PRINTING United Alliance. De Pinnacle Product Awards bekronen producten die de drukindustrie verbeteren of vooruithelpen met uitzonderlijke bijdragen op het vlak van kwaliteit, capaciteit en productiviteit. De prijzen bevestigen Agfa's technologisch leiderschap op het vlak van grootformaat digitale inkjetdruk. PRINTING United Alliance is de grootste vakvereniging op het vlak van drukwerk in de Verenigde Staten.
De bekroonde machines waren:
In januari 2022 bekroonde de European Digital Press Association drie door Agfa in 2021 geïntroduceerde inkjetdrukinnovaties: de hybride grootformaatprinter Jeti Tauro H3300 UHS LED, de op water gebaseerde drukpers van decorpapier voor laminaatoppervlakten InterioJet en het Alussa-druksysteem voor het bedrukken van leder.
ECCO Leather noemt zichzelf 's werelds eerste designgestuurde leerlooierij. Hun recente investering in Agfa’s Alussa-lederprinttechnologie zal hen in staat stellen om volledig gepersonaliseerde producten te creëren in elk volume, op elk moment. Toen ECCO aanbieders van digitale lederprinttechnologieën begon te onderzoeken, raakten ze overtuigd van Alussa's hoogwaardige prints met een uitstekende duurzaamheid en schuurweerstand.
"Alussa’s personalisatie-mogelijkheden zullen ons in staat stellen ons productaanbod uit te breiden en bijkomende klanten aan te trekken. We voelen dat Agfa net als wij naar voortdurende verbetering en diversificatie streeft."
, Fabrieksdirecteur van de ECCO-leerlooierij in Dongen, Nederland
Format Graphics is gespecialiseerd in grootformaatdrukwerk, voornamelijk in de vorm van bewegwijzering en point-of-sale-drukwerk, voor tentoonstellingen en evenementen. Ze voltooien veel projecten op maat voor kantoorinrichtingen en musea, maar hun belangrijkste klanten zijn vakbeursbedrijven en ontwerpbureaus. Om aan hun groeiende behoefte aan soft signage te voldoen, kochten ze een Avinci CX3200 dye-sub textile-printer die hun hybride printer aanvult en zowel rechtstreeks op textiel als op transferpapier kan printen met een snelheid tot 270 m² per uur.
"Het kost ons nu minder dan een dag om hetzelfde volume te drukken waar we vroeger een week over deden. De snelheid, kwaliteit en kleuren zijn uitstekend. We hebben de oude machine als back-up gehouden, maar die hebben we de afgelopen vijf maanden niet moeten gebruiken."
, Eigenaar/manager van Format Graphics
The Bernard Group (TBG) bracht haar printproductie naar een hoger niveau met de aankoop van vier Jeti Tauro H3300 UHS LED-systemen van Agfa. De specialist in visuele merchandising TBG is volledig in handen van de werknemers. Hij ontwerpt en produceert ervaringsomgevingen voor 's werelds meest prestigieuze retailmerken. Met de toevoeging van de vier Agfa-machines blijft TBG zijn klanten verbazen met een snelle marktintroductie, producten van de hoogste kwaliteit en diensten die de detailhandel vereist. TBG verwacht een snel rendement op zijn investering binnen de eerste twee jaar na de ingebruikname van de Jeti Tauro.
"De Jeti Tauro levert een mooie drukkwaliteit die vergelijkbaar is met offset, zodat combinatieorders, waarbij een deel in offset en een deel digitaal wordt geproduceerd, geen enkel obstakel vormen. En dan is er nog de snelheid: met één Jeti Tauro produceren we drie keer zoveel als voorheen met twee machines – vrijwel onbemand."
, COO Creapack
Creapack is een van de referenties op de Belgische en Europese markt voor POS-materiaal, displays en luxe verpakkingen. Het bedrijf installeerde onlangs een Jeti Tauro H3300 LED-grootformaatprinter met automatische belading en ontlading ter vervanging van twee bestaande printers. Doorslaggevend voor Creapack was de hoge automatiseringsgraad en de goede reputatie van de Jeti Tauro.
"We zijn er trots op dat we technologisch aan de top blijven en we gaan tot het uiterste om de dingen goed te doen. Om de juiste partner te vinden, hebben we meerdere weken verschillende continenten afgereisd om leveranciers, technologische updates, nieuwe functies en snellere doorlooptijden te onderzoeken."
, Directeur van Print Production bij TBG
Agfa ontwikkelt en produceert speciale chemische producten voor veelbelovende groeimarkten, zoals membranen voor de productie van groene waterstof en geleidende polymeren voor gebruik in elektrische auto’s. Naast speciale films en folies voor toepassingen zoals gedrukte schakelingen, biedt Agfa ook chemicaliën, synthetisch papier en klassieke filmtypes voor industriële toepassingen, zoals niet-destructief materiaalonderzoek en luchtfotografie. Via AgfaLabs deelt Agfa zijn onderzoekkennis en infrastructuur commercieel met derden.
Agfa is een erkende expert op het vlak van geleidende polymeren die gebruikt worden in antistatische beschermlagen voor films en componenten en in transparante elektrodes. Gebaseerd op deze producten, ontwikkelde Agfa zijn Orgacon-gamma van geleidende drukinkten, pasta’s en emulsies verder voor gebruik in elektronische apparaten en in toepassingen als capacitieve sensoren, aanraakschermen en membraanschakelaars. Een veelbelovende groeimarkt voor Orgacon is de hybride voertuigenindustrie. Groei in dit deel van de Orgacon-activiteiten werd in 2022 gedeeltelijk gehinderd door toeleveringsproblemen in de auto-industrie. Bovendien werd de omzet van Orgacon beïnvloed door de lagere vraag naar bepaalde elektronische apparaten in de tweede jaarhelft, met name beeldschermen. De portfolio van Agfa omvat ook vernieuwende nanozilverinkten voor de productie van stijve en flexibele elektronische circuits. Typische toepassingen zijn gedrukte RFID-antennes, aanraaksensoren en metallisatieroosters voor fotovoltaïsche cellen.
Agfa is wereldwijd de belangrijkste producent van phototooling-film voor de productie van gedrukte schakelingen (Printed Circuit Boards – PCB) voor de elektronica-industrie. Elektronicaproducenten gebruiken de film om de geleidende circuits op een koperen laminaat aan te brengen. Omdat aangenomen wordt dat inkjet de PCB-productie merkbaar efficiënter en milieuvriendelijker kan maken, concentreert Agfa zijn O&O-inspanningen op de ontwikkeling van inkjetinkten voor de productie van gedrukte schakelingen. Deze inkten worden op de markt gebracht onder de DiPaMat-merknaam. Het gamma bestaat uit etch resist-inkten, legend-inkten en soldermask-inkten. De phototooling-film van Agfa wordt ook gebruikt bij het proces van chemisch polijsten voor de productie van kleine mechanische onderdelen en bij metaaldecoratie. In 2022 werd het gamma voor de productie van gedrukte schakelingen beïnvloed door kosteninflatie en door de COVID-lockdowns in China.
Met zijn Zirfon-membranen is Agfa goed geplaatst om in te spelen op de opkomst van de waterstofeconomie. Agfa’s membranen zijn een essentieel onderdeel van de elektrolysetechnologie voor waterstofproductie.# Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
Zirfon is een separatormembraan met een hoge opbrengst voor gebruik in geavanceerde systemen op basis van alkalische waterelektrolyse (scheiding van water in zuurstof en waterstof). Het materiaal is uitzonderlijk duurzaam, zelfs in een omgeving met dynamische stroomlevering. Zirfon groeit snel uit tot de keuze bij uitstek van belangrijke onderzoeksinstituten en systeemontwerpers als vervanging voor traditionele structuren die PPS-doek of asbest bevatten. Een recente studie van het Fraunhofer Institute – waarbij gebruik gemaakt werd van Agfa’s Zirfon-separatormembranen – bevestigde dat de alkalische elektrolysetechnologie momenteel het meest kostenefficiënte waterstofproductiesysteem is. Agfa is lid van de European Clean Hydrogen Alliance, die alle belanghebbenden in de waterstofwaardeketen verenigt. Met haar investerings- en projectenprogramma zal de alliantie de ontplooiing van groene waterstofproductie, de ontwikkeling van toepassingen en de distributie ondersteunen.
Met zijn Idealine-gamma is Agfa wereldwijd de belangrijkste leverancier van phototooling film. Bijgevolg heeft Agfa zeer waarschijnlijk de hand gehad in de productie van uw TV, PC, wasmachine of om het even welk ander object dat gedrukte schakelingen bevat.
In 2022 tekende thyssenkrupp nucera een aankoopcontract met Agfa voor de levering van een aanzienlijk volume van Agfa’s Zirfon-scheidingsmembranen in het kader van grootschalige waterstofprojecten. Thyssenkrupp nucera’s alkalische waterelektrolyse is wereldwijd één van de toonaangevende technologieën voor de grootschalige productie van groene waterstof. De onderneming tekende recent verscheidene contracten voor projecten in dat gebied.
In oktober ontving Agfa de prestigieuze essenscia Innovation Award 2022 voor zijn Zirfon UTP 220 membraantechnologie. Essenscia is de Belgische sectorfederatie van de chemische industrie en de life sciences.
Agfa ontwikkelt en verkoopt een gamma synthetische papieren als alternatief voor gelamineerd papier voor toepassingen met hoge eisen op het vlak van duurzaamheid. De papieren worden verkocht onder de merknaam Synaps. Ze worden door gebruikers op prijs gesteld voor hun drukefficiëntie. De inkt hecht zich immers uitzonderlijk snel aan het papier. Bovendien zijn de papieren bestand tegen water, scheuren en UV-licht. De Synaps-papieren kunnen op offsetdrukpersen met standaardinkten bedrukt worden, maar ook op HP Indigo-printers en printers op basis van droge toner. Synaps is geschikt voor een grote verscheidenheid aan toepassingen, zoals labels, displays voor binnen en buiten, bewegwijzering en commercieel drukwerk. Hoewel de activiteiten bleven groeien, begon het Synaps-assortiment in de tweede helft van 2022 de impact van de zwakke conjunctuur te merken.
Agfa-producten zijn zo ontworpen en vervaardigd dat de productie, de opslag, het transport, het gebruik en het afvalbeheer op het einde van de levensduur een minimale impact hebben op het milieu. In 2022 kondigden we een nieuw element aan dat bijdraagt tot het verkleinen van de milieu-impact: na verschillende jaren van opvoeren, bevat ons synthetisch papier Synaps nu meer dan 15 procent gerecycleerde PET, inclusief post-consumer PET. Het proces van Synaps-afvalinzameling, -inspectie en -recyclage werd volledig ontwikkeld en geïmplementeerd door Agfa als een echte bijdrage aan de circulaire economie. Synaps bevat totaal geen zware metalen, PVC, asbest of ozonafbrekende chemicaliën en het is in overeenstemming met REACH en ROH (Restrictions of Hazardous Substances).

Door de groeiende aandacht voor veiligheid en identificatie investeren overheden in hightech elektronische ID-documenten waarvan de authenticiteit snel en efficiënt gecheckt kan worden. Agfa speelt in op de vraag naar fraudebestendige ID-documenten met een gamma van films en chemicaliën voor ABSOLUT-ID, een innovatieve oplossing voor het produceren van ID-kaarten.
Agfa produceert kwaliteitsvolle röntgenfilm voor niet-destructief materiaalonderzoek. Met de film worden onder meer lasnaden in pijplijnen, stalen structuren en vliegtuigrompen getest. Wanneer Agfa in 2003 zijn NDT-businessgroep aan de General Electric Company (GE) verkocht, tekenden beide partijen een langetermijnovereenkomst waardoor Agfa röntgenfilm aan GE Inspection Technologies (nu Baker Hughes/Waygate Technologies) kon blijven leveren. Agfa is nu de exclusieve producent van NDT-röntgenfilm en de daarmee verbonden chemicaliën voor Baker Hughes/Waygate Technologies.
Voor de markt van de luchtfotografie levert Agfa films, chemicaliën en fotopapier.
Via AgfaLabs hebben derden toegang tot de kennis van Agfa’s onderzoekers en de installaties van Agfa’s Materials Technology Center. AgfaLabs biedt steun bij het analyseren en ontwikkelen van materialen en coatings. De website van AgfaLabs (agfa.com/agfa-labs/cases) bevat voorbeelden van hoe Agfa bedrijven steunt bij het aanpakken van uitdagingen in verschillende toepassingsgebieden.
Agfa’s divisie Offset Solutions heeft tot doel om de voornaamste leverancier te zijn van geïntegreerde drukvoorbereidingssystemen voor commerciële, kranten- en verpakkingsdrukkerijen, alsook een belangrijke leverancier van softwareoplossingen voor beveiligd drukwerk. Het is haar missie om grafische bedrijven in staat te stellen om rendabel te groeien en de concurrentie voor te blijven. De divisie levert geïntegreerde systemen die zowel vernieuwend en betrouwbaar als duurzaam zijn. Ze geeft klanten zo de mogelijkheid om zich op een kostenefficiënte manier aan te passen aan de nieuwe eisen van de markt. Het aanbod van Agfa omvat verbruiksgoederen, apparatuur, software en diensten. Het combineert eigen technologieën en knowhow met die van toonaangevende producenten.
| MILJOEN EURO | % evolutie (excl. wisselkoerseffecten) | ||
|---|---|---|---|
| Omzet | 227 | 231 | 1,8% (-0,8%) |
| Aangepaste EBITDA (*) | 16,7 | 35,7 | 113,2% |
| % van de omzet | 7,3% | 15,5% | |
| Aangepaste EBIT (*) | 10,5 | (3,8) | |
| % van de omzet | 4,6% | -1,6% |
(*) Voor reorganisatiekosten en niet-recurrente resultaten.
De divisie bleef zich richten op regio’s met een hoge toegevoegde waarde en zich concentreren op marges eerder dan op volumes. Ondanks de lagere volumes leidde de succesvolle implementatie van prijsverhogingen om een antwoord te bieden aan de kostinflatie (onder meer van de grondstoffen, verpakking en vracht) tot omzetgroei. Ondanks de kostinflatie, verbeterde de brutowinstmarge van 20,4% van de omzet in 2021 tot 22,7% door de prijsaanpassingen en de focus op regio’s met een hoge waarde. De aangepaste EBITDA verbeterde sterk tot 35,7 miljoen euro. In augustus 2022 tekende de Agfa-Gevaert Groep een overeenkomst voor de aankoop van aandelen met Aurelius Group voor de verkoop van haar divisie Offset Solutions. Beide partijen planden de transactie af te sluiten in april 2023.
Dankzij Agfa’s ECO³-oplossingen kunnen drukkers tot 30% besparen op inkt en tot 90% op water. Het afvalvolume kan met 50% teruggedrongen worden. Bij het ontwikkelen en creëren van oplossingen – die bestaan uit apparatuur, software en verbruiksgoederen – concentreert Agfa zich op ecologie, kostenefficiëntie en extra gebruiksgemak (ecology, economy, extra convenience of ECO³). Daardoor worden drukvoorbereiding- en drukprocessen schoner en kostenefficiënter. Wereldwijd gebruikt de helft van alle krantendrukkerijen technologie van Agfa.
Agfa’s divisie Offset Solutions is een toonaangevende leverancier van geïntegreerde drukvoorbereidingssystemen en software voor het beveiligen van drukwerk. Overal ter wereld vertrouwen professionele drukkers en uitgevers op de ervaring en uitmuntende technologie van de divisie.
De term drukvoorbereiding duidt op de processen voorafgaand aan het eigenlijke drukproces. De drukvoorbereidingsactiviteiten beginnen nadat de beslissingen over de layout van het drukwerk genomen zijn en eindigen waar het eigenlijke drukken start. Drukkers vertrouwen op Agfa’s apparatuur, verbruiksgoederen (zoals drukplaten en grafische film), software en diensten voor bijna elke stap in het voorbereidende proces. De softwarepakketten zijn een sleutelonderdeel van de totale oplossing die aan de drukkers wordt aangeboden. Ze automatiseren het drukvoorbereidingsproces, garanderen een betere kwaliteit en verhogen de kostenefficiëntie. Hoewel Agfa’s drukvoorbereidingssystemen vooral gericht zijn op het informatiedruksegment van de grafische industrie, levert de divisie Offset Solutions ook drukvoorbereidingstechnologie aan klanten die gespecialiseerd zijn in drukwerk voor verpakkingstoepassingen. Agfa is wereldwijd een marktleider op het vlak van digitale drukplaten en van milieuvriendelijke chemievrije drukplaten. Voorts is Agfa een van de weinige nog overgebleven leveranciers van grafische film.
Agfa biedt waardevolle softwaresystemen aan in diverse fraudegevoelige markten.# Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
Zijn speciale beveiligingspakketten helpen ontwerpers van paspoorten, belastingszegels, lote-rijbiljetten, verpakking en labels, concerttickets, postzegels, certificaten,… om vervalsers te slim af te zijn.
In een uitdagende offsetdrukindustrie blijft Agfa zijn klanten ondersteunen met innovatieve oplossingen en diensten. Zowel in het commerciële segment als in het segment van de krantendruk bevestigde Agfa in 2022 zijn sterke positie op het vlak van milieuvriendelijke drukvoorbereidingstechnologie. Met deze chemievrije computer-to-plate-systemen (CtP) kunnen drukkerijen hun ecologische voetafdruk verkleinen, hun bedrijfskosten verlagen en hun efficiëntie een boost geven. Naast plaatbelichters, andere apparatuur en drukplaten, omvatten CtP-oplossingen vaak ook ultramoderne workflowsoftware. Op het einde van het jaar waren in commerciële drukkerijen over de hele wereld meer dan 9.500 Apogee-systemen geïnstalleerd. Agfa is ook wereldleider op het vlak van workflowsoftware voor de automatisering van de productie van gedrukte kranten. Uitgevers kunnen deze Arkitex-workflowsystemen ter plekke in de drukvoorbereidingsafdeling bedienen, maar Agfa biedt ze ook aan als ‘cloud’-oplossing.
In augustus 2022 tekende de Agfa-Gevaert Groep een aandelenaankoopovereenkomst met Aurelius Group voor de verkoop van haar divisie Offset Solutions. De voorgestelde transactie is onderworpen aan de gebruikelijke informatie en consultatie van werknemers, goedkeuringen van regelgevende instanties en closing-voorwaarden. Beide partijen planden de transactie af te sluiten in april 2023. Het grootste deel van het managementteam en de medewerkers van Offset Solutions zal blijven werken onder het nieuwe eigenaarschap. Ze zullen hun klanten blijven voorzien van state-of-the-art oplossingen en producten.
70% Wereldwijd gebruikt 70% van alle drukkers van bankbiljetten door Agfa ontwikkelde software voor het beveiligen van drukwerk.
FDA Eurostampa is al lang klant van Agfa. Het bedrijf is een specialist in de web-offsetdruk van kranten, magazines, tijdschriften,… Agfa’s thermische plaatbelichters en workflowsoftware spelen al jaren een belangrijke rol in de werking van het bedrijf. Om de drukkwaliteit te verbeteren en de inktconsumptie te verlagen, implementeerde FDA Eurostampa recent Agfa’s nieuwe SolidTune-software in combinatie met de SPIR@L screening-technologie. SolidTune en SPIR@L maken deel uit van Agfa’s revolutionaire ECO 3 -programma voor duurzame innovatie.
“We begonnen SolidTune en SPIR@L screening in onze drukwerkproductie te gebruiken om het inkt- en droogproces beter te kunnen beheren. De producten leidden tot een vermindering van de dikte van de inktlaag. Het drogen gaat zo sneller en het resultaat is veel cleaner. Dit werd bereikt zonder veranderingen in de drukvoorbereiding of het drukproces”
F. Daverio, Eigenaar van FDA Eurostampa
Colours Factory is een van de grootste drukkerijen in Polen. Het bedrijf heeft recent geïnvesteerd in een Avalon N24-90XT VLF-plaatbelichter om Energy Elite Pro-drukplaten te belichten. De installatie omvat ook een robotplaatlader, omdat automatisering belangrijk is voor het bedrijf. Met het nieuwe computer-to-plate-systeem hoeven de operators van Colours Factory niet langer handmatig cassettes te laden. De plaatlader laat hen paletten met tot 600 platen rechtstreeks in de machine laden.
“De afgelopen twee jaar hebben we ons gericht op het optimaliseren van processen in de drukvoorbereiding en de logistiek. Met het nieuwe systeem moeten onze operatoren niet langer handmatig 14 ton VLF-platen per maand tillen en laden. De automatisering heeft de ergonomie en economie van het gehele drukvoorbereidingsproces.”
P. Cichon, Hoofd van de afdeling drukvoorbereiding bij Colours Factory
Imprimerie Gutenberg biedt offsetdrukdiensten aan voor lokale overheden, fabrikanten en andere bedrijven. Het bedrijf heeft onlangs geïnvesteerd in een geautomatiseerde computer-to-plate-oplossing, inclusief procesvrije Eclipse-drukplaten. Het verminderen van het gebruik van chemicaliën is belangrijk voor Imprimerie Gutenberg, dat het Imprim'Vert eco-label draagt. Door de processor te elimineren heeft het CtP-systeem ook een veel kleinere voetafdruk, wat belangrijk was gezien de beperkte beschikbare ruimte.
“De procesvrije Eclipse-platen zijn duurzaam en ze bieden een hoge kwaliteit, zelfs bij grotere oplages. Dankzij Agfa kunnen we onze klanten precies de kwaliteit bieden waar ze naar op zoek zijn."
J.P. Boyer, Eigenaar van Imprimerie Gutenberg
Litografía Francisco Jaramillo is al 60 jaar actief op de markt. Het bedrijf specialiseert zich in reclamematerialen en verpakkingen. In overeenstemming met de milieudoelstellingen voor hun productieketen, heeft het bedrijf recent de overstap gemaakt naar de procesvrije Eclipse-drukplaten van Agfa. Met Eclipse heeft het bedrijf een drukplaat gevonden die de voordelen van procesvrije technologie combineert met moeiteloos drukken.
“Eclipse is echt makkelijk te hanteren. De plaat biedt ons de mogelijkheid om tijd te sparen omdat er geen fouten of krassen zijn die vertragingen in het drukproces zouden kunnen veroorzaken.”
A. Lopez, General manager Litografía Francisco Jaramillo
De Raad van Bestuur en het Executive Management van Agfa-Gevaert NV, vertegenwoordigd door de heer Frank Aranzana, Voorzitter van de Raad van Bestuur, de heer Pascal Juéry, President en Chief Executive Officer en de heer Dirk De Man, Chief Financial Officer, verklaren hierbij dat, voor zover hen bekend,
· de geconsolideerde jaarrekening, opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS), zoals aangenomen door de EU, een getrouw beeld geeft van het vermogen, van de financiële toestand en van de resultaten van de Vennootschap en haar geconsolideerde dochterondernemingen;
· het jaarverslag een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en de resultaten van de Vennootschap en haar geconsolideerde dochterondernemingen, evenals een beschrijving van de voornaamste risico’s en onzekerheden waarmee zij geconfronteerd worden.
De toelichtingen maken integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.
De toelichtingen op bladzijden 106 tot 211 maken integraal deel uit van deze geconsolideerde jaarrekening.# MILJOEN EURO Toelichting
| | 2021 | 2022 |
|---|---|---|
| Opbrengsten | 1.760 | 1.857 |
| Kostprijs van verkopen | (1.263) | (1.329) |
| Brutowinst | 497 | 528 |
| Verkoopkosten | (231) | (249) |
| Kosten van onderzoek en ontwikkeling | (95) | (101) |
| Algemene beheerskosten | (155) | (182) |
| Waardeverminderingsverliezen op handels- en andere vorderingen, inclusief contractuele activa verbonden aan contracten met klanten 22.2 | (2) | (1) |
| Overige bedrijfsopbrengsten 9 | 41 | 27 |
| Overige bedrijfskosten 9 | (47) | (182) |
| Winst (verlies) uit bedrijfsactiviteiten | 6 | 9 |
| Financieringsbaten (-kosten) - netto | (1) | 0 |
| Financieringsbaten 10 | 2 | 4 |
| Financieringskosten 10 | (3) | (4) |
| Overige nancieringsbaten (-kosten) - netto | (6) | (20) |
| Overige nancieringsbaten 10 | 10 | 6 |
| Overige nancieringskosten 10 | (16) | (26) |
| Nettonancieringslasten | (8) | (19) |
| Aandeel van de Groep in het nettoresultaat van geassocieerde deelnemingen - na winstbelastingen 30.1 | (0) | (1) |
| Winst (verlies) voor belastingen | 1 | (181) |
| Winstbelastingen 17 | (15) | (42) |
| Winst (verlies) over het boekjaar | (14) | (223) |
| Winst (verlies) toewijsbaar aan: | | |
| Aandeelhouders van de Onderneming | (17) | (221) |
| Minderheidsbelangen | 4 | (2) |
| Winst per aandeel (euro) | | |
| Gewone winst/verwaterde winst per aandeel (euro) 12 | (0,11) | (1,41) |
158 geconsolideerde jaarrekening Agfa-Gevaert Groep - Geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten
De toelichtingen op bladzijden 106 tot 211 maken integraal deel uit van deze geconsolideerde jaarrekening.
| 2021 | 2022 | |
|---|---|---|
| Winst (verlies) over het boekjaar | (14) | (223) |
| Niet-gerealiseerde resultaten, na winstbelastingen | ||
| Niet-gerealiseerde resultaten die geherklasseerd zijn naar de winst- en verliesrekening of in een volgende periode kunnen geherklasseerd worden naar de winst- en verliesrekening: 21 | 7 | |
| Valutakoersverschillen: 30 | 7 | 37.6 |
| Valutakoersverschillen voor buitenlandse activiteiten | 30 | 7 |
| Kasstroomafdekkingen: | (9) | (0) |
| Eectief deel van veranderingen in de reële waarde van kasstroomafdekkingen 37.4 | 4 | (5) |
| Nettoverandering in de reële waarde van kasstroomafdekkingen die is overgeboekt naar de winst- en verliesrekening 37.4 | (1) | 5 |
| Verandering in de reële waarde die is overgeboekt naar de initiële boekwaarde van het ingedekte actief 37.4 | (13) | 0 |
| Winstbelastingen 37.4 | 2 | 0 |
| Niet-gerealiseerde resultaten die niet geherklasseerd worden naar de winst- en verliesrekening | 91 | 123 |
| Investering gewaardeerd aan reële waarde via niet-gerealiseerde resultaten - veranderingen in reële waarde 37.3 | 2 | (2) |
| Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen 37.5 | 96 | 148 |
| Winstbelastingen op de herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen 37.5 | (7) | (23) |
| Niet-gerealiseerde resultaten over het boekjaar, na winstbelastingen | 112 | 130 |
| Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten over het boekjaar toewijsbaar aan: | 99 | (93) |
| Eigenaars van de Onderneming | 91 | (91) |
| Minderheidsbelangen | 8 | (2) |
159 Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
Agfa-Gevaert Groep - Geconsolideerde balans
De toelichtingen op bladzijden 106 tot 211 maken integraal deel uit van deze geconsolideerde jaarrekening.
| 31 december 2021 | 31 december 2022 | |
|---|---|---|
| ACTIVA | ||
| Vaste activa | 756 | 602 |
| Goodwill | 27 | 280 |
| Immateriële activa | 27 | 13 |
| Materiële vaste activa | 28 | 129 |
| Recht-op-gebruik activa | 29 | 68 |
| Investeringen in geassocieerde deelnemingen | 30 | 1 |
| Overige nanciële activa | 30 | 8 |
| Activa in verband met vergoedingen na uitdiensttreding | 13 | 40 |
| Handelsvorderingen 22.2 | 12 | 9 |
| Vorderingen uit leaseovereenkomsten | 31 | 70 |
| Overige activa | 36 | 11 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 17 | 124 |
| Vlottende activa | 1.339 | 1.153 |
| Voorraden | 32 | 418 |
| Handelsvorderingen 22.2 | 307 | 291 |
| Contractuele activa verbonden aan contracten met klanten | 8.3 | 76 |
| Actuele vorderingen uit winstbelastingen | 17 | 63 |
| Overige belastingvorderingen | 18 | 19 |
| Overige nanciële activa | 30 | 2 |
| Vorderingen uit leaseovereenkomsten | 31 | 30 |
| Overige vorderingen | 33 | 4 |
| Overige kortlopende activa | 36 | 18 |
| Derivaten | 25 | 1 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 34 | 398 |
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | 35 | 3 |
| TOTAAL ACTIVA | 2.095 | 1.756 |
| EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | ||
| Eigen vermogen | 37 | 685 |
| Toewijsbaar aan aandeelhouders van de Onderneming | 632 | |
| Maatschappelijk kapitaal | 187 | |
| Uitgiftepremies | 210 | |
| Ingehouden winsten | 1.284 | |
| Overige reserves | (1) | |
| Valutakoersverschillen | (15) | |
| Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen | (1.033) | |
| Minderheidsbelangen 37.8 | 54 | |
| Langlopende verplichtingen | 812 | 610 |
| Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding | 13/14 | 735 |
| Overige personeelsvergoedingen | 16 | 11 |
| Rentedragende verplichtingen | 38 | 46 |
| Voorzieningen | 39 | 12 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 17 | 6 |
| Contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten | 8.3 | 1 |
| Kortlopende verplichtingen | 597 | 585 |
| Rentedragende verplichtingen | 38 | 27 |
| Voorzieningen | 39 | 42 |
| Handelsschulden | 23 | 252 |
| Contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten | 8.3 | 111 |
| Actuele verplichtingen uit winstbelastingen | 17 | 28 |
| Overige belastingverplichtingen | 18 | 28 |
| Overige te betalen posten | 40 | 9 |
| Personeelsbeloningen | 16 | 99 |
| Overige kortlopende verplichtingen | 0 | 0 |
| Derivaten | 25 | 2 |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 2.095 | 1.756 |
160 geconsolideerde jaarrekening Agfa-Gevaert Groep - Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen
De toelichtingen op bladzijden 106 tot 211 maken integraal deel uit van deze geconsolideerde jaarrekening.
| Toelichting | Maatschappelijk kapitaal | Uitgiftepremie | Ingehouden winsten | Eigen aandelen | Reële waardereserve | Afdekkingsreserve | Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen | Valutakoersverschillen | TOTAAL |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Boekwaarde per 1 januari 2021 | 187 | 210 | 1.412 | (82) | - | 7 | (1.122) | (42) | 570 |
| Gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten over de periode | |||||||||
| Winst (verlies) over het boekjaar | - | - | (17) | - | - | - | - | - | (17) |
| Niet-gerealiseerde resultaten na winstbelastingen 37,9 | - | - | - | - | 2 | (9) | 89 | 26 | 109 |
| Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten over het boekjaar | - | - | (17) | - | 2 | (9) | 89 | 26 | 99 |
| Transacties met aandeelhouders, rechtstreeks verwerkt in het eigen vermogen | |||||||||
| Dividenden 37,8 | - | - | - | - | - | - | - | - | (5) |
| Inkoop van eigen aandelen 37,2 | - | - | - | (29) | - | - | - | - | (29) |
| Vernietiging van eigen aandelen 37,2 | - | - | (111) | 111 | - | - | - | - | - |
| Totaal van transacties met aandeelhouders, rechtstreeks verwerkt in het eigen vermogen | - | - | (111) | 82 | - | - | - | - | (34) |
| Boekwaarde per 31 december 2021 | 187 | 210 | 1.284 | - | 2 | (2) | (1.033) | (15) | 632 |
| Boekwaarde per 1 januari 2022 | 187 | 210 | 1.284 | - | 2 | (2) | (1.033) | (15) | 632 |
| Gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten over de periode | |||||||||
| Winst (verlies) over het boekjaar | - | - | (221) | - | - | - | - | - | (221) |
| Niet-gerealiseerde resultaten na winstbelastingen 37,9 | - | - | - | - | (2) | - | 125 | 7 | 130 |
| Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten over het boekjaar | - | - | (221) | - | (2) | - | 125 | 7 | (93) |
| Transacties met aandeelhouders, rechtstreeks verwerkt in het eigen vermogen | |||||||||
| Dividenden 37,8 | - | - | - | - | - | - | - | - | (10) |
| Inkoop van eigen aandelen 37,2 | - | - | - | (21) | - | - | - | - | (21) |
| Vernietiging van eigen aandelen 37,2 | - | - | (21) | 21 | - | - | - | - | - |
| Totaal van transacties met aandeelhouders, rechtstreeks verwerkt in het eigen vermogen | - | - | (21) | - | - | - | - | - | (31) |
| Boekwaarde per 31 december 2022 | 187 | 210 | 1.042 | - | (1) | (2) | (908) | (9) | 520 |
161 Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
Agfa-Gevaert Groep - Geconsolideerd kasstroomoverzicht
De toelichtingen op bladzijden 106 tot 211 maken integraal deel uit van deze geconsolideerde jaarrekening.
| 2021 | 2022 | |
|---|---|---|
| Winst (verlies) over het boekjaar | (14) | (223) |
| Winstbelastingen 17 | 15 | 42 |
| Aandeel van de Groep in het nettoresultaat van geassocieerde deelnemingen - na winstbelastin- gen | 0 | 1 |
| Nettonancieringslasten 10 | 8 | 19 |
| Bedrijfsresultaat 9 | (160) | |
| Afschrijvingen (exclusief afschrijvingen op recht-op-gebruik activa) 27/28 | 34 | 35 |
| Afschrijvingen op recht-op-gebruik activa 29 | 28 | 28 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill 27 | 0 | 70 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op immateriële activa 27 | - | 3 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op materiële vaste activa 28 | - | 26 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op recht-op-gebruik activa 29 | 1 | 15 |
| Vrijval van resultaten uit de afdekkingsreserve 21.4 | (1) | 5 |
| Overheids- en andere subsidies | (13) | (5) |
| Winst/verlies uit de verkoop van immateriële activa en materiële vaste activa | (8) | (1) |
| Kosten voor verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding en ontslagvergoedingen 30 | 35 | |
| Opbouw van personeelsverplichtingen | 75 | 70 |
| Afwaarderingen / terugname op voorraden 32 | 11 | 12 |
| Waardeverminderingsverliezen / terugname op vorderingen 22.2 | 2 | 1 |
| Opbouw/terugname van voorzieningen 39 | 13 | 23 |
| Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van derivaten | 5 | 10 |
| Bedrijfskasstroom voor wijzigingen in het werkkapitaal | 186 | 166 |
| Wijziging in de voorraden | (48) | (65) |
| Wijziging in de handelsvorderingen | 6 | 25 |
| Wijziging in de contractuele activa verbonden aan contracten met klanten | (8) | (14) |
| Wijziging in de werkkapitaalactiva | (50) | (55) |
| Wijziging in de handelsschulden | 38 | (7) |
| Wijziging in de contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten | 3 | (8) |
| Wijziging in de werkkapitaalverplichtingen | 41 | (15) |
| Wijziging in het werkkapitaal | (10) | (69) |
| Uitgaande kasstroom voor personeelsbeloningen | (273) | (149) |
| Uitgaande kasstroom voor voorzieningen 39 | (39) | (27) |
| Veranderingen in de leaseportfolio | (1) | (2) |
| Veranderingen in ander werkkapitaal | 17 | 4 |
| Ontvangen kasstromen uit derivaten ter indekking van operationele activiteiten | 12 | (9) |
| Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten | (108) | (86) |
| Betaalde belastingen | (8) | (15) |
162 geconsolideerde jaarrekening Agfa-Gevaert Groep - Geconsolideerd kasstroomoverzicht (vervolg)
De toelichtingen op bladzijden 106 tot 211 maken integraal deel uit van deze# TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
Agfa-Gevaert NV (‘de Onderneming’) is een onderneming die in België gevestigd is. Het adres van de statutaire zetel van de Onderneming is Septestraat 27, 2640 Mortsel. De geconsolideerde jaarrekening van de Groep over 2022 omvat de Onderneming en 99 geconsolideerde dochterondernemin- gen (2021: 96 geconsolideerde dochterondernemingen) waarover de Onderneming zeggenschap uitoefent. Investeringen in dochterondernemingen worden opgesomd in toelichting 42. Minderheidsbelangen houden een materieel belang aan in negen dochterondernemingen gelegen in Groot-China en de ASEAN-regio. De nanciële gegevens van minderheidsbelangen worden toegelicht in toelichting 37.8. In Europa zijn er een paar dochterondernemingen waarin minderheidsbelangen een aandeel aanhouden dat van ondergeschikt belang is voor de Groep.
De geconsolideerde jaarrekening werd opgemaakt in overeenstemming met de International Financial Reporting Stan- dards (IFRS) van de International Accounting Standards Board (IASB) zoals aangenomen door de Europese Unie op 31 december 2022. De Groep heeft geen IFRS standaarden vervroegd toegepast welke nog niet van toepassing waren in 2022. Verdere infor- matie wordt verstrekt in toelichting 51 ‘Nieuwe standaarden en interpretaties van standaarden gepubliceerd, nog niet van kracht per einde boekjaar’. De geconsolideerde staten werden goedgekeurd voor publicatie door de Raad van Bestuur op 21 maart 2023.
De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro, wat de functionele munt is van de Onderneming. Alle nan- ciële informatie is weergegeven in miljoen euro, afgerond naar het dichtstbijzijnde miljoen, tenzij anders aangeduid. Door het gebruik van afrondingen is het mogelijk dat de som van individuele lijnen in een tabel niet overeenkomt met het totaal van die lijnen, daar de totalen zelf afgerond worden naar het dichtstbijzijnde miljoen.
Bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening in overeenstemming met IFRS heeft het management inschattingen en veronderstellingen gemaakt die een belangrijke impact hebben op de toepassing van de waarderingsregels van de Groep en de gerapporteerde waarden van activa, verplichtingen, inkomsten en kosten. Aanpassingen aan boekhoudkundige inschattingen worden prospectief toegepast. Boekhoudkundige inschattingen en onderliggende veronderstellingen worden op continue basis herzien en kunnen afwijken van de actuele waarden. De onderwerpen waarbij een hoge mate van oordeelsvorming is vereist of waarbij het gebruik van schattingen en ver- onderstellingen belangrijk is voor de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening worden hierna weergegeven met verwijzing naar de betreende toelichting waar meer informatie wordt verstrekt.
| Onderwerpen die een hoge mate van oordeelsvorming, schattingen en veronderstellingen vereisen | Toelichtingen |
|---|---|
| De netto contante waarde van geschatte toekomstige kasstromen die wordt gebruikt bij het toetsen op bijzondere waardeverminderingen | Toelichting ‘Immateriële activa en goodwill’ |
| Het beoordelen van de geschiktheid van de verplichtingen voor lopende of verwachte onderzoeken naar de belastingverplichtingen over voorgaande jaren | Toelichting ‘Winstbelastingen’ |
| Het bepalen van de recupereerbaarheid van uitgestelde belastingvorderingen | Toelichting ‘Winstbelastingen’ |
| De actuariële veronderstellingen die gebruikt worden voor de waardering van toegezegdpensioenregelingen | Toelichting ‘Personeelsbeloningen’ |
| Erkenning van de opbrengsten van overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen worden aangeboden aan de koper (‘multiple-element arrangements’) | Toelichting ‘Opbrengsten’ |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op nanciële activa op basis van verwachte kredietverliezen | Toelichting . ‘Verwachte kredietverliezen’ |
Bijkomend heeft het management een belangrijke beoordeling gemaakt omtrent de presentatie en toelichting over de ge- plande verkoop van de bedrijfsactiviteit 'Oset Solutions'. Deze beoordeling wordt hierna meer in detail toegelicht.
Het management van de Groep heeft besloten dat de voorwaarden zoals beschreven in IFRS 5 ‘Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde activiteiten’ niet voldaan zijn op 31 december 2022. Volgens deze standaard wordt het netto actief van de bedrijfsactiviteit (in dit geval Oset Solutions) in één lijn op de balans als ‘beschikbaar voor verkoop’ getoond wanneer de boekwaarde van dit netto actief voornamelijk door een verkoopverrichting wordt gerecupereerd. Dit is uitsluitend het geval wanneer de in aanmerking genomen groep van bedrijfsmiddelen onmiddellijk beschikbaar is voor verkoop in haar huidige toestand. Deze voorwaarde is vervuld indien er uitsluitend gewone en gebruikelijke voorwaarden gelinkt aan een verkoop nog moeten worden vervuld en de verkoop hoogstwaarschijnlijk is.
Op 30 augustus 2022 heeft de Groep een overeenkomst afgesloten tot verkoop van de bedrijfsactiviteit ‘Oset Solutions’ aan een nanciële groep Aurelius. Het management verwacht om deze verkoop te voltooien op 3 april 2023, nadat alle wet- telijke goedkeuringen werden bekomen en alle stappen tot afsplitsing van de bedrijfsactiviteit werden voltooid. Intussen zal Oset Solutions deel blijven uitmaken van de Groep en haar bedrijfsactiviteiten gewoon verder zetten.
Eén van de belangrijkste stappen in het afsplitsen van de bedrijfsactiviteit alvorens de verkoop kan worden voltooid betreft het afsplitsen in de VS en Canada van de bedrijfsactiviteit ‘Oset Solutions’ los van de operaties in ‘Digital Print & Chemi- cals’. Deze afsplitsingen gaan gepaard met de implementatie van nieuwe transactionele systemen voor de ‘Oset Solutions’ bedrijfsactiviteit in de entiteiten die in de VS en Canada speciek opgericht werden met het oog op de afsplitsingen. Naast Europa is Noord Amerika één van de belangrijkste regio’s waar waarde wordt gecreëerd voor Oset Solutions en dus tevens belangrijk voor de bedoelde afstoting naar de Aurelius Groep. Noord Amerika speelt een belangrijke rol, zowel inzake bruto marge als inzake prijsevolutie, zowel in lm als in platen. Noemenswaardig is tevens het belang van deze regio in de aanvoer van platen geproduceerd in Europa en dus tevens de ondersteuning van de productie-infrastructuur in Duitsland (Wiesbaden): in 2022 vertegenwoordigt de regio Noord Amerika 28% van het productievolume van deze fabriek. De aanwezigheid van de ‘Oset Solutions’ bedrijfsactiviteit in de VS en Canada is tevens vanuit een strategisch oogpunt belangrijk, meer in het bijzonder wat de concurrentiekracht van de Groep betreft. Het is bijgevolg duidelijk dat de regio Noord Amerika een essentieel onderdeel vormt van de door de Groep geplande verkooptransactie van de Oset Solutions bedrijfsactiviteit.
Het afzonderen van de Oset Solutions bedrijfsactiviteit van de overige bedrijfsactiviteiten van de Groep in de VS en Canada vereist de implementatie van een nieuw transactioneel systeem (SAP ERP) in beide landen. Dit nieuwe SAP ERP systeem dient alle kernprocessen voor het runnen van een bedrijfsactiviteit te omvat te omvatten: nanciën, personeelszaken, bevoorrading van producten, dienstverlening aan klanten, aankoop en andere processen. In de uitvoering van de afsplitsing van de ‘Oset Solutions’ bedrijfsactiviteit in de VS en Canada van de overige bedrijfsactiviteiten moeten er nog belangrijke stap- pen worden genomen in het eerste kwartaal van 2023. Het management beschouwt de implementatie van een nieuw ERP systeem niet als gewoon en algemeen gangbaar in het kader van de afstoting van een bedrijfsactiviteit, zelfs niet in het kader van een lokale afsplitsingsverrichting. De lokale afsplitsingen in de VS en Canada conform lokaal geldende regel- geving zijn voorzien op 31 maart 2023, onmiddellijk gevolgd door het operationeel worden van de nieuwe ERP systemen. Op 31 december 2022 is bedoelde groep van bedrijfsmiddelen niet onmiddellijk beschikbaar voor verkoop in haar huidige toestand.
| MILJOEN EURO | |
|---|---|
| Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | (116) |
| Investeringsuitgaven | (26) |
| Ontvangsten uit de verkoop van immateriële activa en materiële vaste activa | 12 |
| Overnames na aftrek verworven geldmiddelen | - |
| Investeringen in geassocieerde deelnemingen | (1) |
| Ontvangsten uit de verkoop van beëindigde activiteiten, na winstbelastingen | 0 |
| Terugbetaling van aan derden toegestane leningen | 0 |
| Ontvangen rente | 4 |
| Nettokasstromen uit investeringsactiviteiten | (2) |
| Betaalde rente | (4) |
| Betaalde dividenden aan minderheidsbelangen | (5) |
| Inkoop van eigen aandelen | (29) |
| Ontvangsten van leningen | 2 |
| Terugbetalingen van leningen | (3) |
| Betaling van leaseschulden | (29) |
| Ontvangsten uit/betalingen van derivaten | (2) |
| Andere ontvangen/betaalde nancieringsinkomsten/(kosten) | 4 |
| Nettokasstromen uit nancieringsactiviteiten | (67) |
| Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten | (185) |
| Geldmiddelen en kasequivalenten bij het begin van het jaar | 585 |
| Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten | (185) |
| Impact van valutakoersverschillen | (1) |
| Winst/(verlies) op kortlopende beleggingen | (1) |
| Geldmiddelen en kasequivalents at the end of the perioden op het einde van het boekjaar | 34 |
(1) Negatieve banksaldi zijn gepresenteerd in aftrek van kasmiddelen en voorheen inbegrepen in ontvangsten en terugbetalingen van leningen: 31 december 2022: 0,1 miljoen euro, 31 december 2021: 0,1 miljoen euro.
| 2021 | 2022 | |
|---|---|---|
| Nettokasstromen uit bedrijfsactiviteiten | (116) | (100) |
| Investeringsuitgaven | (26) | (33) |
| Ontvangsten uit de verkoop van immateriële activa en materiële vaste activa | 12 | 2 |
| Overnames na aftrek verworven geldmiddelen | - | (48) |
| Investeringen in geassocieerde deelnemingen | (1) | (1) |
| Ontvangsten uit de verkoop van beëindigde activiteiten, na winstbelastingen | 0 | (5) |
| Terugbetaling van aan derden toegestane leningen | 0 | - |
| Ontvangen rente | 4 | 7 |
| Nettokasstromen uit investeringsactiviteiten | (2) | (76) |
| Betaalde rente | (4) | (5) |
| Betaalde dividenden aan minderheidsbelangen | (5) | (11) |
| Inkoop van eigen aandelen | (29) | (21) |
| Ontvangsten van leningen | 2 | 3 |
| Terugbetalingen van leningen | (3) | (4) |
| Betaling van leaseschulden | (29) | (30) |
| Ontvangsten uit/betalingen van derivaten | (2) | (9) |
| Andere ontvangen/betaalde nancieringsinkomsten/(kosten) | 4 | 1 |
| Nettokasstromen uit nancieringsactiviteiten | (67) | (77) |
| Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten | (185) | (253) |
| Geldmiddelen en kasequivalenten bij het begin van het jaar | 585 | 398 |
| Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten | (185) | (253) |
| Impact van valutakoersverschillen | (1) | (7) |
| Winst/(verlies) op kortlopende beleggingen | (1) | 0 |
| Geldmiddelen en kasequivalents at the end of the perioden op het einde van het boekjaar | 398 | 138 |
Deze voorwaarden kunnen niet als gewoon en gebruikelijk worden beschouwd in het kader van de verkoop van voornoemde groep van bedrijfsmiddelen. Het management verwacht dat op 31 maart 2023 alle criteria om Oset Solutions te behandelen als een beëindigde bedrijfs- activiteit voldaan zullen zijn. De basis nanciële staten van de Groep over het eerste kwartaal 2023 zullen de netto activa die toegewezen kunnen worden aan Oset Solutions en die het voorwerp zullen uitmaken van de verkooptransactie opnemen als ‘aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten’.
Bij eerste toepassing van de classicatie als ‘aangehou- den voor verkoop’, worden de activa aangehouden voor verkoop gewaardeerd aan de laagste waarde van hun boekwaarde en hun reële waarde minus de kosten voor afstoting van de activiteit. Aangezien de Groep een verkoopovereenkomst heeft ondertekend, wordt de verkoopprijs, bestaande uit een vast en variabel deel, gebruikt als benadering van de reële waarde van de netto af te stoten activa.
De Groep waardeert al haar activa overeenkomstig met de van toepassing zijnde IFRS. Vaste activa zoals immateriële ac- tiva en materiële vaste activa worden conform IFRS 36 getoetst op bijzondere waardeverminderingsverliezen wanneer hiervoor indicatie bestaat. Gelet op het bestaan van een verkoopovereenkomst en de inschatting van de verkoopprijs die minder bedraagt dan de boekwaarde van de vaste activa, inclusief de recht-op-gebruik activa, werd een bijzonder waar- deverminderingsverlies geboekt voor de volledige boekwaarde van bedoelde activa. Bijgevolg werd op 31 december 2022 een waardeverminderingsverlies van in totaal 41 miljoen euro voor de materiële vaste activa en de recht-op-gebruik activa opgenomen in de winst- en verliesrekening. Per einde 2019 was reeds het volledige bedrag van de goodwill toewijsbaar aan de activiteit Oset Solutions afgewaardeerd.
De overige activa zoals voorraden, handelsvorderingen en uitgestelde belas- tingvorderingen werden per 31 december 2022 tevens gewaardeerd overeenkomstig met de van toepassing zijnde IFRS. Dit heeft niet geleid tot het erkennen van bijkomende waardeverminderingen met uitzondering van een waardevermindering op uitgestelde belastingvorderingen. Inzake de extra uitgestelde belastingkost geboekt per jaareinde 2022 verwijzen we naar toelichting 17 ‘Winstbelastingen’.
In 2023, wanneer voldaan is aan de criteria gespecieerd in IFRS 5 om de netto activa van Oset Solutions te tonen als ‘aan- gehouden voor verkoop’, zal de volledige groep van activa die wordt afgestoten worden gewaardeerd aan hun reële waarde na aftrek van de kosten voor afstoting. Dit zal resulteren in een bijkomend verlies in de winst- en verliesrekening.
Het totaal verwachte verlies dat aan de transactie kan worden gelinkt wordt geschat op 100 tot 115 miljoen euro. Dit bedrag is een zo goed mogelijke inschatting van het totale verlies, berekend op basis van de voorhanden zijnde informatie per 31 december 2022 en omvat volgende componenten:
* Het waardeverminderingsverlies op materiële vaste activa en ‘recht-op-gebruik’ activa, erkend op 31 december 2022 con- form IAS 36 voor een bedrag van 41 miljoen euro;
* De waardevermindering op uitgestelde belastingvorderingen, erkend op 31 december 2022 conform IAS 12 voor een bedrag van 8 miljoen euro;
* De kosten rechtstreeks toewijsbaar aan de geplande verkooptransactie: deze kost werd reeds erkend in de resultaten over 2022 en bedragen in totaal 5 miljoen euro;
* Wanneer de voorwaarden opgelegd door IFRS 5 zijn voldaan om de groep van activa te tonen als ‘aangehouden voor verkoop’: het impact van het verschil tussen de reële waarde minus kosten voor afstoting en de boekwaarde van de activa aangehouden voor verkoop wordt erkend: dit wordt verwacht in het eerste kwartaal van 2023; en
* De opname in resultaat van de koersresultaten die historisch opgebouwd werden op investeringen in buitenlandse acti- viteiten toewijsbaar aan de Oset Solutions bedrijfsactiviteit en die voorheen opgenomen werden in het eigen vermo- gen tot op het ogenblik van werkelijke afstoting van de bedrijfsactiviteit. Dit moment is voorzien op 3 april 2023.
Het verwachte verlies houdt rekening met een verkoopprijs exclusief over te dragen geldmiddelen en kasequivalenten variërend tussen 15 en 30 miljoen euro. Deze verkoopprijs houdt onder meer rekening met overdracht van pensioen- en soortgelijke schulden aan de verkoper ten belope van ongeveer 50 miljoen euro. Zowel de evolutie van het werkkapitaal als de schuldpositie op datum van het voltooien van de verkooptransactie zullen het bedrag van de verkoopprijs, exclusief over te dragen geldmiddelen en kasequivalenten bepalen. De berekening van de verkoopprijs voorziet in een prijsmechanisme dat voorziet in compensatie (positief of negatief) voor de verkoper voor het verschil tussen het werkkapitaal op datum van verkoop en het vooropgestelde werkkapitaal, bepaald volgens welbepaalde afgesproken principes. Het werkelijke verlies van de transactie zal voornamelijk aankelijk zijn van de evolutie van het werkkapitaal, welbepaalde elementen die contractueel niet in aanmerking kunnen worden genomen voor de bepaling van de verkoopprijs evenals de evolutie van de koersresultaten op buitenlandse investeringen voor Oset Solutions welke momenteel begrepen zijn in het eigen vermogen van de Onderneming. Het nale bedrag van de te ontvangen verkoopprijs, de boekwaarde van de activa die deel uitmaken van de verkoop en het verlies dat hieruit voortvloeit zal maar gekend zijn op het ogenblik van de nale afwikkeling van de verkoopprijs.
Voor een overzicht van de operationele activa en verplichtingen van het te rapporteren segment Oset Solutions verwijzen we naar toelichting 6 ‘Te rapporteren segmenten’. Deze activa en verplichtingen kunnen mogelijks afwijken van deze die werkelijk overgedragen zullen worden bij de verkoop: één van de belangrijkste verschillen wordt verklaard door activa voor de productie van lm en chemicaliën daar de verkoopovereenkomst voorziet dat Agfa deze activiteiten blijvend zou verder zetten. Een ander belangrijk verschil betreft de pensioenverplichtingen van de inactieven (gepensioneerden en personen met uitgestelde opgebouwde rechten) in de productieonderneming in Duitsland welke begrepen zijn in de netto activa die afgestoten worden. Deze zijn in de segmentrapportering niet toegewezen aan het segment Oset Solutions daar de Groep de pensioenverplichtingen van inactieven niet toewijst aan de te rapporteren segmenten.
De geconsolideerde staten van de Groep zoals toegelicht in dit jaarverslag nemen de standaarden en interpretaties van standaarden in acht, van toepassing vanaf 1 januari 2022. Volgende standaarden en interpretaties van standaarden zijn voor de eerste keer van toepassing vanaf 1 januari 2022. Het betreft:
* Aanpassingen aan IFRS 3 Overnames, IAS 16 Materiële vaste activa, IAS 37 Provisies, voorwaardelijke verplichtingen en voor- waardelijke activa en ook Jaarlijkse Verbeteringen. Deze standaarden waren ofwel niet van toepassing op de Groep of hebben geen materieel eect gehad op de geconsolideer- de staten van de Groep.
Exclusief wisselkoerseecten boekten de divisies HealthCare IT en Digital Print & Chemicals een omzetgroei. Vooral door prijsverhogingen bleef de omzet van Oset Solutions stabiel. In Radiology Solutions werden de medische lmactiviteiten sterk beïnvloed door de COVID-lockdowns in China. De brutowinstmarge van de Groep bleef stabiel op 28,5% van de om- zet, vooral door prijsverhogingen ter compensatie van de kostinatie en door verstoringen van de toeleveringsketen. De aangepaste EBITDA werd beïnvloed door inatiedruk, verstoorde toeleveringsketens en industriële ineciënties in het vierde kwartaal.
Voor de divisie HealthCare IT was 2022 een jaar van consolidatie, aangezien de focus verschuift in de richting van rendabele groei. Zoals aangetoond door de positieve ontwikkeling van de order intake werpt de strategie van de divisie om zich te richten op klantsegmenten en geograsche gebieden waarvoor haar Enterprise Imaging-oplossing het meest geschikt is en om prioriteit te geven aan inkomstenstromen met een hogere waarde vruchten af. Deze strategie zal de di- visie uiteindelijk in staat stellen om de beoogde EBITDA-groei te bereiken: beginnend van een percentage van om en bij de 5% in 2019 tot percentages die de 20% benaderen de komende jaren. Door het toegenomen momentum in de tweede jaarhelft groeide de omzet van HealthCare IT in Noord-Amerika en Europa tegenover het voorgaande jaar. De groei werd aangedreven door de omzeterkenning in het kader van een aantal belangrijke contracten, evenals door de stabilisatie van de recurrente omzet.
De medische lmbusiness van de divisie Radiology Solutions ondervond vooral in China de impact van de COVID-lock- downs. Voorts hadden ook de geopolitieke toestand en de lager dan normale volumes in bepaalde exportmarkten een invloed. De marktgedreven omzetdaling voor Computed Radiography werd nog versterkt door de huidige geopolitieke situatie en door componententekorten. Agfa blijft de CR-business beheren met het oog op het behouden van gezonde winstmarges. Volgend op een aantal mindere kwartalen, begon de omzet van Direct Radiography terug aan te trekken in de tweede jaarhelft.# Een sterke omzetgroei werd genoteerd in ASPAC en LATAM.
In een aantal landen in die regio's werden primeurs gerealiseerd met verschillende systemen, waaronder high-end modaliteiten en de recent geïntroduceerde VALO-RY-röntgenkamer. Voorts heeft Agfa een aantal maatregelen genomen om de post-COVID marktvolatiliteit op te vangen. Onlangs zag de DR-markt de intrede van verscheidene nieuwe concurrenten met goedkope oplossingen. Het orderboek voor DR blijft sterk, weliswaar met langere conversietermijnen die worden beïnvloed door de toeleveringsomstandigheden. Agfa onderneemt acties (right-sizing van de organisatie, verhuizingen, kostenbeheersingsacties, prijsverhogingen, netto werkkapitaalacties) om de exibiliteit van de business te vergroten en om hem beter aan te passen aan de huidige marktomstandigheden.
In de loop van het vierde kwartaal van 2022, heeft de Groep de goodwill toegekend aan de kas-stroomgenererende eenheid Radiology Solutions getest op een mogelijks bijzonder waardeverminderingsverlies, op basis van het door de Raad Van Bestuur goedgekeurde vijf-jarenplan rekening houdend met een substantieel verhoogde WACC. Uit deze tests is gebleken dat de bedrijfswaarde van de eenheid lager is dan haar boekwaarde met als gevolg dat een bijzondere waardeverminderingsverlies geboekt werd op goodwill (70 miljoen euro) en op immateriële vaste activa (3 miljoen euro) (zie toelichting 27).
Op het vlak van digitaal drukken, groeide de omzet van de sign & display business sterk. De inktproductlijnen voor sign & display-toepassingen presteerden het hele jaar door sterk. Ondanks industrie-brede logistieke uitdagingen voor de high-end apparatuur, boekten de activiteiten op het vlak van apparatuur voor grootformaatdruk een stevige omzetgroei. Op het gebied van industriële inkjet, werden de decordrukactiviteiten beïnvloed door de verzwakkende conjunctuur, aangezien klanten hun investeringen in hun digitalisatieproces uitstellen. De volumes van de OEM-inkten gingen achteruit door de lockdowns in China, de onstabiele geopolitieke situatie en de zwakke conjunctuur.
Vooral door prijsverhogingen bleef de omzet van Oset Solutions stabiel. De divisie bleef zich richten op regio's met een hoge toegevoegde waarde en zich concentreren op marges eerder dan op volumes. Ondanks de lagere volumes leidde de succesvolle implementatie van prijsverhogingen om een antwoord te bieden aan de kosteninatie (onder meer van de grondstoffen, verpakking en vracht) tot omzetgroei. Ondanks de kostinatie, verbeterde de brutowinstmarge van 20,4% van de omzet in 2021 tot 22,7% door de prijsaanpassingen en de focus op regio's met een hoge waarde. De aangepaste EBITDA verbeterde sterk.
In augustus 2022 tekende de Agfa-Gevaert Groep een overeenkomst voor de aankoop van aandelen met Aurelius Group voor de verkoop van haar divisie Oset Solutions. Beide partijen streven ernaar de transactie in de eerste week van april 2023 af te ronden.
Over het algemeen verwacht de Agfa-Gevaert Groep voor het volledige jaar 2023 een aanzienlijke verbetering van de rendabiliteit tegenover 2022. Voor het segment HealthCare IT wordt verwacht dat de groeistrategie van de divisie in 2023 een sterke omzetstijging zal opleveren, evenals een groei van de aangepaste EBITDA met dubbele cijfers. In Radiology Solu- tions wordt er stabiliteit verwacht, met een voortdurende druk op de marges van medische lm. De vooruitgang voor Direct Radiography die in de tweede helft van 2022 werd geboekt, zal zich naar verwachting doorzetten. Wat betreft de divisie Digital Print & Chemicals wordt een herstel verwacht van de rendabiliteit op basis van prijsacties en van een positieve bijdrage van de Inca-overname en van de Zirfon-membranen. De omzet van Zirfon zal sterk blijven groeien.
De bedrijfsvoering van de Groep in Rusland bedraagt minder dan 2% van de opbrengsten van de Groep, en heeft voor-namelijk betrekking op het segment Radiology Solutions. Agfa produceert niet in Rusland. Sommige Agfa producten, zoals oset apparatuur en inktproducten kunnen niet langer uitgevoerd worden naar Rusland/Wit-Rusland omwille van beperkingen opgelegd door de Europese Gemeenschap. Binnen de beperkingen opgelegd door de EU en andere nationale authoriteiten, zal Agfa gebruik makend van commercieel redelijke inspanningen, trachten om de niet-geïmpacteerde goe-deren uit te leveren en te verschepen. Agfa heeft geen activa en geen personeel in Oekraïne dat geïmpacteerd is door de voortdurende crisis. Indirecte eecten uit de situatie in Rusland en Oekraïne hebben voornamelijk betrekking op verwachte kredietverliezen op han-delsvorderingen en vorderingen uit leaseovereenkomsten, beperkingen op geldmiddelen en de realiseerbaarheid van het business plan van het segment Radiology Solutions rekening houdend met de verhoogde inatie en intrestvoeten. De Agfa Groep heeft twee dochterondernemingen in Rusland van beperkte omvang. De uitstaande handelsvorderingen in deze twee ondernemingen bedragen 1 miljoen Euro op 31 december 2022. De gerealiseerde omzet in de loop van 2022 in Rusland bedraagt 25 miljoen euro. Er zijn geen kasmiddelen met beperkingen aanwezig in deze twee dochterondernemingen.
De activiteiten van de Groep worden gegroepeerd in vier divisies: HealthCare IT, Radiology Solutions, Digital Print & Chemicals en Oset Solutions. Deze divisiestructuur is gebaseerd op technologie en op oplossingen en zal de business in staat stellen om in de toekomst partnerships te zoeken. Het management van de Groep heeft de bovenvermelde vier divisies geïdenticeerd als haar operationele segmenten, dewel-ke overeenkomen met de te rapporteren segmenten. Alle operationele segmenten hebben stevige marktposities, goed gede-nieerde strategieën, en dragen volledige verantwoordelijkheid, autoriteit en leggen volledige verantwoording af. Om een accuratere beoordeling van de businessprestaties mogelijk te maken werden bepaalde kosten van corporate functies op Groepsniveau (vb. Investor Relations, Corporate Finance, Interne Audit, Innovation Oce, …) niet toegewezen aan de businessdivisies. Deze kosten worden apart getoond onder ‘Corporate Services’. De operationele segmenten van de Groep reecteren het niveau waarop de CEO van de Groep en het Executive Committee de activiteiten beoordelen en beslissingen nemen over de toewijzing van middelen en andere operationele zaken. De te rappor-teren segmenten bevatten de volgende activiteiten:
De Agfa divisie HealthCare IT ondersteunt zorgverleners en assisteert gezondheidsprofessionals over de verschillende de-partementen, sites en netwerken van een ziekenhuis om kwaliteitsvolle zorg te verzekeren en intelligente beslissingen te kunnen nemen voor de gemeenschap en de bevolking. Deze divisie levert IT-oplossingen voor medische beeldvorming aan ziekenhuizen en andere zorginstellingen. Het betreft oplossingen die al het medisch beeldvormingsmateriaal beheren en de gerelateerde gegevens, zijnde uitgebreide entiteitsoverkoepelende Healthcare Information Solutions en geïntegreerde zorgoplossingen. Deze intelligente oplossingen vullen elkaar aan om betrouwbare en bewezen IT-ecosystemen te creëren die elk aspect van het zorgsysteem beroeren. Van de productontwikkeling tot de implementatie zijn Agfa HealthCare's toonaange-vende Imaging IT-softwaresytemen erop gericht om de complexiteit te verminderen en om zorgaanbieders te helpen om hun klinische, operationele en zakelijke strategieën waar te maken.
Agfa’s divisie van Radiology Solutions is een belangrijke speler op de markt van de diagnostische medische beeldvorming. Ze biedt zowel analoge als digitale beeldvormingstechnologieën aan om tegemoet te komen aan de noden van gespeciali-seerd medisch personeel in hospitalen en centra voor medische beeldvorming over de hele wereld. De innovatieve medi-sche beeldvormingsapparatuur van Agfa en haar toonaangevende software voor verwerking van medische beeldvorming, MUSICA, zetten de standaarden wat betreft productiviteit, veiligheid, klinische waarden en kosteneciëntie. Met meer dan 150 jaar ervaring helpt Agfa haar klanten om de kwaliteit en de eciëntie van de patiëntenbehandeling te verbeteren. Elke dag bewijst Agfa dat medische beeldvorming in haar DNA zit.
Agfa’s Digital Print & Chemicals biedt een brede waaier aan van producten in diverse industrieën. Bouwend op Agfa’s ex-pertise in chemicaliën en haar diepgewortelde kennis in de industrie van de grasche beeldvorming, heeft de divisie een leidende positie in de inkjetdruksystemen. Verder levert de divisie een breed gamma digitale drukoplossingen aan sign & display-drukkers waaronder een gamma van zeer productieve en veelzijdige grootformaatprinters en bijhorende inkten aangedreven door specieke werkvoorbereidingssoftware. Daar bovenop ontwikkelt en produceert Digital Print & Chemi-cals ook kwaliteitsvolle inkjetinkten en vloeistoen voor verscheidene industriële inkjettoepassingen. Hiermee geven ze industriële bedrijven de mogelijkheid om drukwerk in hun productieprocessen te integreren. Het biedt tevens specieke inkjetinkten aan hoogtechnologische industrieën zoals de industrie van de gedrukte elektronica aan. De divisie levert te-vens membranen aan de waterstofproductie-industrie en een variëteit van bedrukbaar kunststofpapier. Het productassor-timent wordt vervolledigd door het aanbod van micrograsche lm, lm voor het uitvoeren van niet-destructieve testen, luchtfotograe en lm voor de productie van gedrukte schakelingen.MILJOEN EURO
| Opbrengsten per markt | 2021 | 2022 |
| :--------------------- | :--- | :--- |
| Europa | 786 | 720 |
| waaronder België | 62 | 68 |
| NAFTA | 827 | 718 |
| Latijns-Amerika | 379 | 316 |
| Azië/Oceanië/Afrika | 740 | 704 |
| TOTAAL | 2,732| 2,458|
| Alle buitenlandse landen | 2021 | 2022 |
|---|---|---|
| Duitsland | 327 | 318 |
| Frankrijk | 75 | 70 |
| Italië | 73 | 75 |
| Verenigd Koninkrijk | 75 | 70 |
| Verenigde Staten | 740 | 720 |
| Canada | 62 | 70 |
| Brazilië | 82 | 70 |
| India | 82 | 70 |
| China | 733 | 729 |
| Japan | 82 | 70 |
| Overige landen | 726 | 706 |
GECONSOLIDEERDE OPBRENGSTEN | 2,732 | 2,458 |
(1) Locatie van klanten.
173 AgfA-gevAert – jAArverslAg 2022
MILJOEN EURO
| Vaste activa | 2021 | 2022 |
| :----------- | :--- | :--- |
| Europa | 713 | 710 |
| waarvan België | 362 | 359 |
| NAFTA | 729 | 717 |
| Latijns-Amerika | 8 | 10 |
| Azië/Oceanië/Afrika | 106 | 102 |
| TOTAAL | 1,556| 1,539|
| Alle buitenlandse landen | 2021 | 2022 |
|---|---|---|
| Duitsland | 77 | 70 |
| België | 362 | 359 |
| Verenigd Koninkrijk | 61 | 70 |
| Verenigde Staten | 381 | 316 |
| Canada | 627 | 680 |
| Brazilië | 7 | 10 |
| China | 73 | 70 |
| Hong Kong | 73 | 70 |
| Overige landen | 77 | 77 |
| TOTAAL | 1,556 | 1,539 |
(1) Uitgezonderd uitgestelde belastingsvorderingen en volgens de locatie van de activa.
Het management van de Groep presenteert de begrippen ‘Aangepaste EBIT’ en ‘Aangepaste EBITDA’ omdat ze aan de hand van deze begrippen de prestatie van de verschillende divisies meet, daar ze van mening is dat deze termen relevant zijn om de financiële prestatie van de Groep haar de te rapporteren segmenten te begrijpen. ‘Aangepaste EBIT’ is het resultaat uit bedrijfsactiviteiten voor aftrek van reorganisatiekosten en voor aftrek van niet-recurrente kosten. ‘Aangepaste EBITDA’ is het resultaat uit bedrijfsactiviteiten voor afschrijvingen en voor aftrek van reorganisatie- en niet-recurrente kosten. Reorganisatiekosten hebben voornamelijk betrekking op ontslagvergoedingen aan het personeel. Deze kosten worden gepresenteerd in ‘Overige bedrijfskosten’ (toelichting 9.2).
Per jaareinde 2022 bedragen de niet-recurrente resultaten 160 miljoen Euro en hebben betrekking op geboekte bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill ten belope van 70 miljoen Euro (Radiology Solutions), op immateriële activa ten belope van 3 miljoen Euro, op materiële vaste activa ten belope van 26 miljoen Euro en op recht-op-gebruik activa ten belope van 15 miljoen Euro, op geboekte kosten met betrekking tot strategische transformatieprojecten ten belope van 36 miljoen Euro (verzelfstandiging van de business Offset Solutions en aanpassing van de organisatiestructuur in een slanke, weerbare op de toekomst gerichte structuur), advocatenkosten ten belope van 4 miljoen Euro, een éénmalige afwaardering van 1 miljoen Euro op voorraden, consultancy kosten met betrekking tot overnames en afstotingen ten belope van 2 miljoen Euro en een negatieve impact van 1 miljoen Euro met betrekking tot pensioenen en gelijkaardige plannen.
Per jaareinde 2021 bedragen de niet-recurrente resultaten 13 miljoen Euro en hebben betrekking op geboekte kosten met betrekking tot strategische transformatieprojecten ten belope van 20 miljoen Euro (verzelfstandiging van de business Offset Solutions en aanpassing van de organisatiestructuur in een slanke, weerbare op de toekomst gerichte structuur), advocatenkosten van 1 miljoen Euro, een éénmalige afwaardering van 1 miljoen Euro op voorraden, een éénmalige afwaardering van oninbare balansposten van 1 miljoen Euro, een provisie voor het verlaten van een geleasde faciliteit in de Verenigde Staten van 1 miljoen Euro, een winst uit de verkoop van activa ten belope van 7 miljoen Euro en een positieve impact van 4 miljoen Euro met betrekking tot pensioenen en gelijkaardige plannen (zie toelichting 9).
174 TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
De volgende tabel geeft een overzicht van de prestaties van elk te rapporteren segment:
| Te rapporteren segment | HealthCare IT | Radiology Solutions | Digital Print & Chemicals | Offset Solutions | TOTAAL |
|---|---|---|---|---|---|
| 2021 | 2022 | 2021 | 2022 | 2021 | |
| Resultaat van het segment (*) | 22 | 22 | 59 | (51) | 8 |
| Aangepaste EBIT | 13 | 14 | 26 | 13 | 7 |
| Aangepaste EBITDA | 24 | 15 | 31 | 25 | 11 |
(*) Segmentresultaat is het resultaat uit bedrijfsactiviteiten toegewezen aan een te rapporteren segment.
Reconciliatie van het segmentresultaat van aangepaste EBIT met het resultaat uit bedrijfsactiviteiten
| 2021 | 2022 | |
|---|---|---|
| Aangepaste EBIT van het segment | 37 | 19 |
| Aangepaste EBIT niet toegewezen aan een segment voornamelijk met betrekking tot ‘Corporate Services’ | (18) | (18) |
| Aangepaste EBIT | 19 | 1 |
| Reorganisatiekosten | (10) | (21) |
| Niet-recurrente kosten | (26) | (18) |
| Winst (verlies) uit bedrijfsactiviteiten | (17) | (38) |
Reconciliatie van aangepaste EBIT met aangepaste EBITDA
| 2021 | 2022 | |
|---|---|---|
| Aangepaste EBIT | 19 | 1 |
| Afschrijvingen op immateriële activa en materiële activa | 26 | 28 |
| Afschrijvingen recht-op-gebruik activa | 12 | 12 |
| Aangepaste EBITDA | 57 | 41 |
Reconciliatie van aangepaste EBITDA toegewezen aan een segment met aangepaste EBITDA
| 2021 | 2022 | |
|---|---|---|
| Aangepaste EBITDA toegewezen aan een segment | 79 | 58 |
| Aangepaste EBITDA uit bedrijfsactiviteiten niet toegewezen aan een segment voornamelijk met betrekking tot 'Corporate Services' | (18) | (18) |
| Aangepaste EBITDA | 57 | 41 |
| MILJOEN EURO | 2021 | 2022 |
|---|---|---|
| Opbrengsten uit contracten met klanten | 3.725 | 3.607 |
| Opbrengsten uit andere bronnen: kasstroomafdekkingen | 3 | (4) |
| Opbrengsten uit andere bronnen: leasingactiviteiten | 76 | 78 |
| TOTAAL | 3.804 | 3.681 |
De divisies HealthCare IT en Digital Print & Chemicals boekten gedurende 2022 een omzetgroei, exclusief wisselkoerseffecten. Vooral door prijsverhogingen bleef de omzet van Offset Solutions stabiel. In Radiology Solutions werden de medische filmactiviteiten sterk beïnvloed door de COVID-lockdowns in China. Door het toegenomen momentum in de tweede jaarhelft groeide de omzet van HealthCare IT in Noord-Amerika en Europa tegenover het voorgaande jaar. De groei werd aangedreven door de omzetserkenning in het kader van een aantal belangrijke contracten, evenals door de stabilisatie van de recurrente omzet. Voor de divisie Radiology Solutions wordt er stabiliteit verwacht, met een voortdurende druk op de marges van medische film. De vooruitgang voor Direct Radiography, die in de tweede helft van 2022 werd geboekt, zal zich naar verwachting doorzetten. De marktgedreven omzetdaling voor Computed Radiography werd nog versterkt door de huidige geopolitieke situatie en door componententekorten. Agfa blijft de CR-business beheren met het oog op het behouden van gezonde winstmarges. Volgend op een aantal mindere kwartalen, begon de omzet van Direct Radiography terug aan te trekken in de tweede jaarhelft. Een sterke omzetgroei werd genoteerd in ASPAC en LATAM. In een aantal landen in die regio's werden primeurs gerealiseerd met verschillende systemen, waaronder high-end modaliteiten en de recent geïntroduceerde VALORY-röntgenkamer. Onlangs zag de DR-markt de intrede van verscheidene nieuwe concurrenten met goedkope oplossingen. Op het vlak van digitaal drukken, groeide de omzet van de sign & display business sterk. De inktproductlijnen voor sign
175 AgfA-gevAert – jAArverslAg 2022
& display-toepassingen presteerden het hele jaar door sterk. Ondanks industriebrede logistieke uitdagingen voor de high end apparatuur, boekten de activiteiten op het vlak van apparatuur voor grootformaatdruk een stevige omzetgroei. Op het gebied van industriële inkjet, werden de decordrukactiviteiten beïnvloed door de verzwakkende conjunctuur, aangezien klanten hun investeringen in hun digitalisatieproces uitstellen. De volumes van de OEM-inkten gingen achteruit door de lockdowns in China, de onstabiele geopolitieke situatie en de zwakke conjunctuur. Met name door toedoen van doorgevoerde prijsstijgingen bleef de omzet van de divisie Offset Solutions stabiel. De divisie bleef zich richten op regio's met een hoge toegevoegde waarde en zich concentreren op marges eerder dan op volumes. Ondanks de lagere volumes leidde de succesvolle implementatie van prijsverhogingen om een antwoord te bieden aan de kosteninflatie (onder meer van de grondstoffen, verpakking en vracht) tot omzetgroei.
De Groep genereert opbrengsten uit de verkoop van goederen, uit dienstverlening en uit de verkoop van contracten waarin meerdere goederen en/of diensten samen worden aangeboden aan de koper. Opbrengsten uit andere bronnen omvatten huuropbrengsten van eigen materiaal en geleased materiaal onder financiële lease overeenkomsten alsook beperkte bedragen met betrekking tot kasstroomafdekkingen. Opbrengsten uit de verkoop van goederen omvat de verkoop van verbruiksgoederen, chemicaliën, wisselstukken, machines en softwarelicenties. Opbrengsten uit de verkoop van goederen worden erkend op het moment dat de controle van de goederen overgaat op de klant en wanneer er geen onzekerheid bestaat omtrent de inning van de verkoopprijs. In de bepaling of de inning van de verkoopprijs al dan niet waarschijnlijk is, houdt de Groep rekening met de kredietwaardigheid van de klant en diens intentie tot betalen van de verkoopprijs op vervaldag. Opbrengsten uit dienstverlening omvat dienstverlening in verband met de installatie van software applicaties en machines, onderhoud en bijkomende post-contract dienstverlening. In overeenstemming met de huidige IFRS 15 worden de opbrengsten uit dienstverlening erkend over de looptijd van het contract aangezien de klant gelijktijdig de voordelen van deze dienstverlening ontvangt en consumeert. In de gevallen waarbij de Groep meerdere diensten gelijktijdig aanbiedt, zullen de opbrengsten over de verschillende diensten verdeeld worden gebaseerd op de verkoopprijs die van toepassing is wanneer deze diensten apart verkocht worden. De Groep sluit tevens overeenkomsten af waarin meerdere goederen en/of diensten samen worden aangeboden aan de koper (‘multiple-element arrangements’). Deze overeenkomsten omvatten de verkoop van software, licenties, hardware, installatiediensten, onderhoud en dienstverlening na verkoop.# Overeenkomstig de IFRS 15 standaard heeft de Groep onderzocht of de verschillende goederen en/of diensten aangeboden in deze overeenkomsten, kwalificeren als aparte prestatieverplichtingen op basis van de criteria van identificeerbaarheid en op basis van het feit of de goederen en/of diensten waarde creëren voor de koper op zich of met diensten en/of goederen die vrij verkrijgbaar zijn op de markt. De Groep heeft geoordeeld dat deze criteria voldaan zijn voor overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden en die geen softwareproducten bevatten die significante aanpassingen en programmatie op maat van de koper vereisen. De toepassing van deze boekhoudkundige regel inzake opbrengstenerkenning van overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden, vereist een zekere oordeelsvorming door het management inzake de allocatie van de totale verkoopprijs naar de verschillende prestatieverplichtingen, inclusief gegeven kortingen. Wijzigingen aan prestatieverplichtingen en de respectieve waarden toegewezen aan de individuele prestatieverplichtingen kunnen een materiële impact hebben op de waarde van de bedragen in omzet erkend en de nog te erkennen bedragen. Binnen het segment Agfa HealthCare IT en het segment Radiology Solutions vereist het merendeel van de overeenkomsten, waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden, geen significante aanpassingen van het softwaregedeelte en geen programmatie op maat van de koper. Bij de verkoop van machines die aanzienlijke installatie vereisen binnen het segment Offset Solutions en Digital Print & Chemicals worden de opbrengsten geboekt nadat de installatie in overeenstemming met alle contractuele bepalingen is voltooid en de machine gebruiksklaar is voor de koper. Overeenkomstig de IFRS 15 standaard heeft de Groep geoordeeld dat de machine en installatiediensten zeer nauw verbonden zijn en behandeld zullen worden als één prestatieverplichting, die in opbrengsten geboekt worden op het moment van succesvolle installatie bij de koper. In het bedrijfssegment HealthCare IT heeft de Groep standaardbetalingstermijnen die verschillen per geografische regio op basis van lokaal gehanteerde praktijken. Betalingstermijnen worden zo kort mogelijk gehouden. In Europa, Latijns-Amerika, NAFTA en Azië/Pacific bedragen de betalingstermijnen doorgaans 30 dagen na factuurdatum, behalve in Zuid-Europa waar ze tussen 60-90 dagen na factuurdatum bedragen. In de andere divisies van de Groep worden de betalingstermijnen eveneens bepaald op basis van bedrijfs- en geografische vereisten. Afwijkingen van de richtlijnen dienen steeds nagekeken en goedgekeurd te worden door de kredietcomités op basis van diverse criteria. Contractuele activa verbonden aan contracten met klanten bedragen in het segment HealthCare IT 85 miljoen euro (2021: 66 miljoen euro), in het segment Radiology Solutions 7 miljoen euro (2021: 9 miljoen euro) en in het segment Digital Print & Chemicals 3 miljoen euro (2021: 0 miljoen euro). In het segment Offset Solutions zijn er zeer beperkte contractuele activa verbonden aan contracten met klanten per 31 december 2022 en per 31 december 2021. Contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten bedragen 56 miljoen binnen het segment HealthCare IT (2021: 58 miljoen euro), 26 miljoen binnen het segment Radiology Solutions (2021: 27 miljoen euro), 16 miljoen binnen het segment Digital Print & Chemicals (2021: 11 miljoen euro) en 12 miljoen euro binnen het segment Offset Solutions (2021: 16 miljoen euro).
De uitsplitsing van opbrengsten uit contracten met klanten volgens rapporterende entiteit op 31 december 2022 en op 31 december 2021 zoals vereist door IFRS 15 wordt als volgt voorgesteld:
MILJOEN EURO
| HealthCare IT | Radiology Solutions | Digital Print & Chemicals | Offset Solutions | TOTAAL | |
|---|---|---|---|---|---|
| Geografische regio | |||||
| Europa | 73 | 94 | 81 | 97 | 345 |
| NAFTA | 76 | 82 | 93 | 78 | 330 |
| Latijns-Amerika | 44 | 56 | 56 | 78 | 234 |
| Azië/Oceanië/Afrika | 120 | 121 | 94 | 131 | 466 |
| Totale opbrengsten per geografische regio (destinatie principe) | 313 | 353 | 324 | 384 | 1375 |
| Opbrengsten naar aard | |||||
| Opbrengsten uit de verkoop van goederen | 98 | 976 | 992 | 957 | 2043 |
| Opbrengsten uit de verkoop van diensten | 215 | 88 | 71 | 64 | 432 |
| Tijdstip van opbrengstenerkenning | |||||
| Opbrengsten erkend op een specifiek punt in de tijd | 98 | 976 | 991 | 957 | 2032 |
| Opbrengsten erkend volgens verloop van tijd | 215 | 88 | 72 | 64 | 435 |
MILJOEN EURO
| HealthCare IT | Radiology Solutions | Digital Print & Chemicals | Offset Solutions | TOTAAL | |
|---|---|---|---|---|---|
| Geografische regio | |||||
| Europa | 74 | 94 | 98 | 1217 | 1483 |
| NAFTA | 95 | 88 | 95 | 1426 | 1704 |
| Latijns-Amerika | 8 | 73 | 71 | 66 | 218 |
| Azië/Oceanië/Afrika | 151 | 163 | 146 | 1620 | 2080 |
| Totale opbrengsten per geografische regio (destinatie principe) | 328 | 418 | 410 | 5329 | 5485 |
| Opbrengsten naar aard | |||||
| Opbrengsten uit de verkoop van goederen | 73 | 971 | 943 | 1756 | 3743 |
| Opbrengsten uit de verkoop van diensten | 255 | 47 | 27 | 3573 | 1942 |
| Tijdstip van opbrengstenerkenning | |||||
| Opbrengsten erkend op een specifiek punt in de tijd | 73 | 970 | 941 | 1755 | 3739 |
| Opbrengsten erkend volgens verloop van tijd | 255 | 48 | 29 | 3574 | 1946 |
Transactieprijzen met betrekking tot prestatieverplichtingen die nog dienen nagekomen te worden, worden niet toegelicht daar het gaat over contracten die in het algemeen een looptijd hebben van minder dan één jaar.
De Groep heeft de volgende handelsvorderingen en activa en verplichtingen verbonden aan contracten met klanten:
MILJOEN EURO
| 2022 | 2021 | |
|---|---|---|
| Handelsvorderingen | 217 | 211 |
| Contractuele activa verbonden aan contracten met klanten | 18 | 16 |
| Activa erkend voor nog te maken kosten voor contracten met klanten | 75 | 60 |
| Op te maken facturen | 75 | 60 |
| Contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten | 109 | 112 |
| Tussentijdse vooruitfacturaties - uitgestelde opbrengsten | 36 | 37 |
| Ontvangen vooruitbetalingen | 35 | 35 |
| Verwachte volumekortingen en andere kortingen | 38 | 40 |
Op 31 december 2022 bedroegen de activa verbonden aan contracten met klanten 94 miljoen euro (2021: 76 miljoen euro). Deze hebben voornamelijk betrekking op het recht dat de Groep heeft voor verleende diensten en reeds geleverde goederen waarvoor de Groep contractueel het recht heeft om te factureren op een later tijdstip. Op te maken facturen vervat in activa verbonden aan contracten met klanten worden geherklasseerd naar handelsvorderingen op het moment dat de vordering onvoorwaardelijk wordt. Activa erkend met betrekking tot nog te maken kosten voor contracten met klanten bevatten alle kosten die direct toewijsbaar zijn aan het contract, zijnde directe loonkosten, direct toewijsbare materiaalkosten (werken in uitvoering) en kosten die expliciet kunnen doorgerekend worden aan de klanten. De Groep activeert geen kosten voor het verkrijgen van contracten met klanten aangezien de afschrijvingsperiode waarover deze kosten zouden afgeschreven worden minder is dan één jaar. Op 31 december 2022 bedroegen de verplichtingen verbonden aan contracten met klanten 109 miljoen (2021: 112 miljoen euro) en hebben betrekking op nog in opbrengsten te erkennen waarden, ontvangen vooruitbetalingen van klanten en voorziene bedragen voor verwachte volumekortingen en andere kortingen voor goederen en diensten aangekocht door klanten gedurende 2022. Verplichtingen verbonden aan contracten met klanten omvatten contractueel bepaalde gefactureerde bedragen die op basis van de prestatieverplichtingen nog niet in opbrengsten erkend kunnen worden. Ontvangen vooruitbetalingen van klanten omvatten bedragen ontvangen vanwege klanten waar nog geen facturatie voor heeft plaatsgevonden en waarvoor de Onderneming een verplichting heeft tot het leveren van goederen en/of diensten. Uitgestelde opbrengsten resulteren voornamelijk uit tussentijdse vooruitfacturaties in overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden en uit tussentijdse vooruitfacturaties van onderhouds- en dienstverleningscontracten.
De volgende tabel geeft weer hoeveel van het in het huidige jaar erkende bedrag aan opbrengsten vervat zat in de beginbalans van contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten en hoeveel betrekking heeft op prestatieverplichtingen die gerealiseerd werden in een voorgaande periode:
178 TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
MILJOEN EURO
| Contractuele activa verbonden aan contracten met klanten | Contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten | |
|---|---|---|
| Openingsbalans van contractuele activa en verplichtingen verbonden aan contracten met klanten | 16 | 112 |
| Opbrengsten erkend die begrepen waren in de openingsbalans van contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten | - | (113) |
| Opbrengsten erkend met betrekking tot prestatieverplichtingen volbracht in voorgaande perioden | - | - |
| Vooruitfacturaties aan klanten gedurende het boekjaar | - | 158 |
| Ontvangen vooruitbetalingen van klanten gedurende het boekjaar | - | 15 |
| Opbrengsten erkend gedurende het boekjaar | - | (74) |
| Contractuele activa verbonden aan klanten erkend gedurende het boekjaar | 158 | - |
| Transferten van contractuele activa verbonden aan contracten met klanten naar handelsvorderingen | (113) | - |
| Geboekte waardeverminderingsverliezen op contractuele activa verbonden aan contracten met klanten | - | - |
| Contractuele activa verbonden aan klanten erkend in de kostprijs van verkopen gedurende het boekjaar (Werken in uitvoering) | (23) | - |
| Veranderingen in verwachte volumekortingen en andere kortingen | - | 1 |
| Overnames en afstotingen van activiteiten | 1 | 6 |
| Valutakoersverschillen | 1 | 1 |
| Eindbalans van contractuele activa en verplichtingen verbonden aan contracten met klanten | 74 | 183 |
MILJOEN EURO
| | 2022 | 2021 |
|---|---|---|
| Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van derivaten | 7 | 18 |
| Baten uit financiële leaseovereenkomsten | 7 | 5 |
| Winst uit de verkoop van materiële vaste activa | 0 | 7 |
| Baten uit de terugname van ongebruikte voorzieningen | 3 | 16 |
| Pensioenopbrengsten van verstreken diensttijd met betrekking tot pensioenplannen in Frankrijk | - | 2 |
| Winst uit bevriezing van toegezegdpensioenregeling in Zweden | - | 5 |
| Diverse overige opbrengsten | 26 | 24 |
| TOTAAL | 43 | 77 |
De baten uit financiële leaseovereenkomsten bevatten hoofdzakelijk interestopbrengsten. In 2022 is een opbrengst van 3 miljoen euro uit de terugname van herstructureringsvoorzieningen erkend als gevolg van een update van de voorziening voor de reorganisatie van de IT-afdeling van de Onderneming en de samenwerking met Atos. De winsten uit de verkoop van materiële vaste activa over 2021 hadden ten belope van 7 miljoen Euro betrekking op de verkoop van de voormalige productiesite in Leeds (Verenigd Koninkrijk), voorheen geclassificeerd als aangehouden voor verkoop (zie toelichting 35). De pensioenopbrengsten uit verstreken diensttijd waren het resultaat van herstructureringsmaatregelen in Frankrijk gedurende het boekjaar 2021. In Zweden heeft de Onderneming in de loop van het eerste kwartaal van 2021 de pensioenverplichtingen overgedragen naar een verzekeringsonderneming. Dit resulteerde in een éénmalige uitgaande kasstroom van 16 miljoen Euro en een éénmalige winst van 5 miljoen Euro.
179AgfA-gevAert – jAArverslAg 2022
MILJOEN EURO
| | 2022 | 2021 |
|---|---|---|
| Reorganisatiekosten | 79 | 20 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill | 73 | - |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op immateriële vaste activa | 3 | - |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op materiële vaste activa | 26 | 3 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op recht op gebruik activa | 15 | 1 |
| Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van derivaten | 29 | 17 |
| Pensioenkosten van verstreken diensttijd 'Jubilee' plan in België | 0 | 2 |
| Huisvestingskosten met betrekking tot leegstand | 6 | 13 |
| Diverse overige kosten | 27 | 23 |
| TOTAAL | 278 | 79 |
Als gevolg van het onderzoek op bijzondere waardevermindering van goodwill toegekend aan de kasstroomgenererende eenheid Radiology Solutions is een bijzonder waardeverminderingsverlies van 73 miljoen euro erkend. De volledige boekwaarde van goodwill (70 miljoen euro) en immateriële vaste activa (3 miljoen euro) is afgewaardeerd. Meer informatie over de belangrijkste assumpties die zijn gebruikt voor dit onderzoek op bijzondere waardevermindering wordt verstrekt in toelichting 27. Voor de kasstroomgenererende eenheid Offset Solutions werden materiële vaste activa en recht-op-gebruik activa, die zouden kunnen worden toegekend aan de entiteiten die zich toeleggen op de Offset Solutions activiteiten en die daarom het voorwerp uitmaken van de geplande verkoop, volledig afgewaardeerd. Een resulterend verlies op bijzondere waardevermindering van 41 miljoen euro werd erkend, 26 miljoen euro heeft betrekking op materiële vaste activa en 15 miljoen euro op recht-op-gebruik activa. De verwachte verkoop van de Offset Solutions activiteiten waren de indicatie voor een bijzondere waardevermindering, aangezien de verwachte te ontvangen vergoeding veel lager is dan de boekwaarde van de nettoactiva toerekenbaar aan de groep die wordt verkocht, zelfs na bijzondere waardevermindering van alle langlopende activa in het kader van IAS 36. Meer informatie over de bijzondere waardevermindering van activa toerekenbaar aan Offset Solutions en hoe deze past in het verwachte totale verlies van de verkooptransactie wordt beschreven in sectie 4 ‘Schattingen en beoordelingen van het management’. Door de sluiting van onze productiesite in Wilmington (VS) heeft de Groep in 2021 een bijzonder waardeverminderingsverlies op het recht-op-gebruik activa erkend ten belope van 1 miljoen euro. In 2022 hebben herstructureringsplannen geleid tot een kost van 35 miljoen euro. Dit bedrag komt voor een deel van de verschillende transformatieprogramma’s, voornamelijk met betrekking tot de interne financiële diensten van de Groep met een impact op functies, voornamelijk in Europa (5 miljoen euro). Meer in het algemeen voelden tal van activiteiten de zwakke economische omgeving, voornamelijk in Europa en China. Bovenop de transformatieprogramma’s met betrekking tot de IT en de financiële diensten van de Groep, verplichtte de economische situatie tot het nemen van verdere maatregelen voor de activiteiten van de Groep in Radiology Solutions en Digital Print & Chemicals om de kostenstructuur van de Groep aan te passen. In 2022 is in Duitsland de productie en assemblage van sommige uitrusting en onderdelen van uitrusting voor Computed Radiography gestopt. Er werden bepaalde acties ondernomen voor Direct Radiography om het operationeel business model te vereenvoudigen. Het totale bedrag van erkende reorganisatiekosten in 2022 met betrekking tot de maatregelen genomen voor Radiology Solutions bedragen 12 miljoen euro. Maatregelen genomen voor Digital Print & Chemicals resulteerde in een organisatiekost van 2 miljoen euro. Andere reorganisatiekosten erkend in de loop van 2022 hebben betrekking op individuele efficiëntie- en besparingsinitiatieven (5 miljoen euro) en een plan in België om vrijwillig de Onderneming te verlaten voor mensen met een leeftijd vanaf 60 jaar en een anciënniteit van minstens 15 jaar, die volgens het plan, gedurende een bepaalde periode, die kan starten in 2023, in een tijdskrediet van 50% kunnen instappen en vrijgesteld zijn van dagelijkse prestaties voor de periode dat ze nog werkzaam zijn voor de Onderneming, tot aan hun wettelijk of vervroegd pensioen (de impact wordt eind 2022 geschat op 5 miljoen euro). In 2021, heeft de Onderneming herstructureringskosten geboekt ten belope van 20 miljoen Euro voornamelijk met betrekking tot kosten gelinkt aan de reorganisatie van het ICS departement van de Onderneming en het aangekondigde partnership met Atos, een globale leidinggevende onderneming op het vlak van digitale transformatie (14 miljoen Euro), kosten met betrekking tot de sluiting van Ipagsa, een leverancier van drukplaten operationeel in het lage kosten segment (4 miljoen Euro). Additionele kosten met betrekking tot de gesloten productiesites in Leeds en Pont-à-Marcq (3 miljoen Euro) werden erkend, alsook kosten voor ontslagvergoedingen voor nieuwe CAO overeenkomsten (2 miljoen Euro), gecompenseerd door een positieve impact van 10 miljoen Euro uit een herbeoordeling van de herstructureringskosten van de fabrieken in Peissenberg en Peiting (Duitsland). De ‘Jubilee’ voordelen in België betreffen reischeques die uitgereikt werden naar aanleiding van 25, 35 of 40 bereikte dienstjaren. Deze voordelen werden voor de eerste keer gewaardeerd op 31 december 2021 en resulteerde in pensioenkosten van verstreken diensttijd ten belope van 2 miljoen euro.
180 TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
MILJOEN EURO
| | 2022 | 2021 |
|---|---|---|
| Financieringsbaten | | |
| op bankdeposito’s | 1 | 0 |
| TOTAAL FINANCIERINGSBATEN | 1 | 0 |
| Financieringskosten op financiële schulden gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs | | |
| op bankleningen | (1) | (1) |
| op obligatielening | - | - |
| TOTAAL FINANCIERINGSKOSTEN | (1) | (1) |
| Overige financiële baten | | |
| Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van derivaten die geen deel uitmaken van een afdekkingsrelatie - nettobedrag | 7 | 28 |
| Overige | 2 | 9 |
| TOTAAL OVERIGE FINANCIERINGSBATEN | 9 | 37 |
| Overige financiële kosten | | |
| Pensioenlast van de periode die als overige financiële opbrengsten/(kosten) wordt behandeld en renteaandeel op overige rentedragende verplichtingen | (1) | (3) |
| Valutakoersverschillen en reële waardeveranderingen van derivaten die geen deel uitmaken van een afdekkingsrelatie - nettobedrag | (1) | (1) |
| Financieringslasten uit derivaten die geen deel uitmaken van een afdekkingsrelatie | (1) | (1) |
| Financieringslasten uit derivaten die aangeduid zijn als kasstroomafdekkingen | - | - |
| Financieringslasten op overige vorderingen | - | (1) |
| Financieringslasten uit leaseverplichtingen | (1) | (1) |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op kortlopende beleggingen | - | (1) |
| Afwikkeling van discontering op overige provisies | - | (1) |
| Valutakoersverschillen geherclasseerd naar de winst- en verliesrekening ten gevolge van de afstoting van een buitenlandse activiteit | - | (1) |
| Overige | (1) | (2) |
| TOTAAL OVERIGE FINANCIERINGSLASTEN | (5) | (12) |
| NETTOFINANCIERINGSLASTEN | (2) | (30) |
(1) Het renteaandeel op overige rentedragende verplichtingen omvat voornamelijk de interesten op de verplichtingen voor brugpensioen.
(2) Bovenvermelde nettofinanciëringskosten bevatten volgende financieringsbaten en financieringskosten uit financiële activa en verplichtingen die niet geclassificeerd zijn in de categorie financiële activa en verplichtingen tegen reële waarde met waardeveranderingen opgenomen in de winst- en verliesrekening.
| | 2022 | 2021 |
|---|---|---|
| Totale financieringsbaten op financiële activa | 1 | 0 |
| Totale financieringskosten op financiële verplichtingen | (1) | (1) |
181AgfA-gevAert – jAArverslAg 2022
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de belangrijkste kosten/inkomsten (inclusief herstructureringskosten) van het bedrijfsresultaat van de Groep volgens de aard van de kosten/inkomsten:
MILJOEN EURO
| | Toelichting | 2022 | 2021 |
|---|---|---|---|
| Opbrengsten | 6.1 | 1.463 | 1.587 |
| Kostprijs van grondstoffen, goederen aangekocht voor verkoop en productiegerelateerde kosten (incl. voorraadwijzigingen) | | (1.278) | (1.175) |
| Kostprijs van diensten en overige goederen | | (629) | (617) |
| Kosten voor personeelsbeloningen | | (772) | (796) |
| Afschrijvingen | 14/16/18 | (71) | (75) |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill, immateriële vaste activa, materiële vaste activa en recht-op-gebruik activa | 8.1 | (117) | (111) |
| Afwaardering op voorraden | 13 | (11) | (13) |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op vorderingen | 15.1 | (1) | (1) |
| Wijzigingen in voorzieningen (excl. | | |## 9. RESULTAATPERAANDEL
De berekening van de winst per aandeel op 31 december 2022 is gebaseerd op een toe te kennen winst aan de aandeelhouders van de Onderneming van minus 221 miljoen euro (2021: minus 17 miljoen euro) en een gewogen gemiddeld aantal gewone uitstaande aandelen gedurende het jaar eindigend op 31 december 2022 van 156.236.319 (2021: 165.003.570).
Het gewogen gemiddelde aantal gewone uitstaande aandelen werd als volgt berekend:
| Aantal uitgegeven aandelen | Aantal eigen aandelen (zie toelichting 15.1) | Aantal uitstaande gewone aandelen per 31 december 2021 (zie toelichting 15.2) | Effect van opties uitgeoefend gedurende 2021 | Effect van potentiële gewone aandelen die tot verwatering zullen leiden | Gewogen gemiddeld aantal uitstaande aandelen op 31 december 2021 | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 31 december 2021 | 318.270.873 | -2.258.221 | 316.012.652 | - | - | 316.012.652 |
| 31 december 2022 | 318.270.873 | -2.258.221 | 316.012.652 | +3.374.979 | - | 319.387.631 |
| 2022 | 2021 | |
|---|---|---|
| Gewone winst/verwaterde winst per aandeel (€) | (0,70) | (0,05) |
De gemiddelde reële waarde van een gewoon aandeel bedroeg in 2022 3,44 euro per aandeel.
| MILJOEN EURO | 31 december 2022 | 31 december 2021 |
|---|---|---|
| Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding | 202 | 171 |
| Langetermijnontslagvergoedingen | 0 | 0 |
| Totaal van de verplichtingen aan het personeel | 202 | 171 |
| Langlopende verplichtingen | 148 | 143 |
| Kortlopende verplichtingen | 54 | 28 |
| MILJOEN EURO | 2022 | 2021 |
|---|---|---|
| Loonlijst gerelateerde uitgaven | 635 | 604 |
| Kosten voor vergoedingen na uitdiensttreding, opgenomen in EBIT | 26 | 26 |
| Opbouw van personeelsverplichtingen | 17 | 18 |
| Overige personeelsgerelateerde kosten | 16 | 10 |
| Totale kosten voor personeelsbeloningen vervat in EBIT | 694 | 658 |
In de meeste landen waarin de Groep actief is, voorzien de ondernemingen van de Groep in vergoedingen na uitdienst- treding, voornamelijk onder de vorm van toegezegdebijdrageregelingen. In een aantal landen voorziet de Groep ook in toegezegdpensioenregelingen.
De nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen voor België, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten van Amerika (hierna de ‘materiële’ landen) vertegenwoordigen samen 98% (2021: 98%) van de totale nettoverplichting van de Groep.
Een belangrijk deel van deze verplichtingen heeft betrek- king op plannen waarvoor geen rechten meer kunnen worden opgebouwd. Dit is de situatie in het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten van Amerika en voor een belangrijk deel van de Duitse pensioenplannen. In België is het ‘Fabriekspensioenplan’ gesloten voor nieuwe managers van de Groep welke in dienst treden vanaf 1 januari 2019.
De impact van de pensioenregelingen van de Groep op de geconsolideerde balans en winst- en verliesrekening wordt weer- geven in volgend overzicht, uitgesplitst over de ‘materiële landen’ en de overige landen van de Groep.
| MILJOEN EURO | 31 december 2022 (België/Duitsland/VK/VS) | 31 december 2022 (Overige landen) | 31 december 2022 (TOTAAL) | 31 december 2021 (België/Duitsland/VK/VS) | 31 december 2021 (Overige landen) | 31 december 2021 (TOTAAL) |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding | 168 | 4 | 172 | 167 | 4 | 171 |
| Activa in verband met vergoedingen na uitdiensttreding | (17) | 0 | (17) | (17) | 0 | (17) |
| Netto positie in de balans | 151 | 4 | 155 | 150 | 4 | 154 |
| MILJOEN EURO | 31 december 2022 (België/Duitsland/VK/VS) | 31 december 2022 (Overige landen) | 31 december 2022 (TOTAAL) | 31 december 2021 (België/Duitsland/VK/VS) | 31 december 2021 (Overige landen) | 31 december 2021 (TOTAAL) |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Werkgeversbijdragen voor toegezegdebijdrageregelingen | 2 | 0 | 2 | 2 | 0 | 2 |
| Kosten voor vergoedingen na uitdiensttreding - aan het dienstjaar toegerekend | 14 | (1) | 13 | 15 | 2 | 17 |
| Kosten voor vergoedingen na uitdiensttreding - verstreken diensttijd | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Kosten voor vergoedingen na uitdiensttreding - belangrijke inperking/ beëindiging van de regelingen | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Kosten voor Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement | 7 | 0 | 7 | 18 | 0 | 18 |
| Kosten wegens vergoedingen na uitdiensttreding, opgenomen in EBIT | 23 | (1) | 22 | 35 | 2 | 37 |
| Netto financieringskost voor verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding | 1 | 0 | 1 | 1 | 0 | 1 |
| Totaal pensioenkosten weergegeven in de winst- en verliesrekening | 24 | (1) | 23 | 36 | 2 | 38 |
In Zweden heeft de Onderneming haar pensioenverplichtingen in de loop van het eerste kwartaal van 2021 getransfereerd naar een verzekeraar wat aanleiding heeft gegeven tot een éénmalige kasuitgave van 16 miljoen euro en een éénmalige opbrengst van 5 miljoen euro. Het transfereren van het Zweedse pensioenplan naar een externe verzekeraar verklaarde in 2021 bijna volledig de evolutie van de pensioenverplichtingen van de ‘niet-materiële’ landen van de Groep. De evolutie van de pensioenverplichtingen van de ‘materiële landen’ van de Groep wordt toegelicht onder hoofdstuk 11.2.
In 2022 betaalde de Groep aan openbaar of privaat beheerde pensioen- of verzekeringsfondsen 9 miljoen euro (8 miljoen euro in 2021) voor haar toegezegdebijdrageregelingen. Hiervan heeft 4 miljoen euro betrekking op de ‘materiële’ landen van de Groep (2021: 4 miljoen euro). Eenmaal de bijdrage is betaald, hebben de ondernemingen van de Groep geen verdere verplichtingen meer. De periodieke bijdragen vormen een kost van het jaar waarin ze verschuldigd zijn.
Toegezegdebijdrageregelingen in België zijn inzake de toe te passen boekhoudkundige behandeling in IFRS geen toegezegdebijdrageregelingen maar toegezegdpensioenregelingen. Bijkomende informatie wordt hierna verstrekt.
Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement vallen onder toepassing van de wet van april 2003 op de aanvullende pensioenen. Volgens artikel 24 van deze wet hebben aangeslotenen recht op een minimum rendement op bijdragen betaald door hetzij de organisator van het plan hetzij de werknemer. Tot 31 december 2015 gold een minimum rendement van 3,75% op de persoonlijke bijdragen van de werknemer en 3,25% op de bijdragen van de werkgever.
De wet van 18 december 2015, van kracht vanaf 1 januari 2016, heeft een aantal wijzigingen doorgevoerd aan de wet van 28 april 2003. Vanaf 1 januari 2016 wordt het gewaarborgd rendement in lijn gebracht met een bepaald percentage (65%) van het gemiddeld rendement op 1 juni over de laatste 24 maanden van Belgische Staatsobligaties (OLO’s) met een looptijd van 10 jaar, met een minimum van 1,75% en een maximum van 3,75%. Vanaf 2016 is de interestvoet vastgesteld op 1,75% en is zowel op de persoonlijke bijdragen van de werknemer als op de bijdragen van de werkgever van toepassing.
Wat de toepassing van het gewaarborgd rendement betreft bij wijziging van interestvoet voorziet de wet van 18 december 2015 in de toepassing van de ‘horizontale methode’ voor verzekerde plannen met een vast rendement tot aan pensionering (de zogenoemde ‘Tak 21’ verzekerde producten) en de ‘verticale methode’ voor alle andere situaties. Alle verzekerde plannen binnen de Belgische ondernemingen van de Groep zijn beheerd via ‘Tak 21’ verzekerde producten.
De toepassing van de ‘horizontale methode’ is vergelijkbaar met een depositorekening met vaste rente.# TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
Voor alle bijdragen die overeenkomstig het plan verschuldigd zijn voor de datum van vaststelling van de gewijzigde interestvoet, blijft de vorige interestvoet van toepassing tot het ogenblik waarop een van volgende situaties zich voordoet: beëindiging van de tewerkstelling, pensionering of stopzetting van het plan. De nieuwe interestvoet is dan van toepassing op alle bijdragen verschuldigd vanaf de datum van vaststelling van de gewijzigde interestvoet tot het ogenblik waarop een van voorgaande situaties zich voordoet.
Het minimum rendement van 3,25% (bijdragen van de werkgever) en 3,75% (persoonlijke bijdragen werknemer) is bijgevolg voor alle toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement nog van toepassing voor bijdragen betaald tot 31 december 2015. Op deze bijdragen hebben aangeslotenen recht op een minimum rendement van 3,25%/3,75% tot aan pensionering (beëindiging van de tewerkstelling of stopzetting van het plan). Voor bijdragen betaald vanaf 2016 is de werkgever verplicht een minimum rendement van 1,75% te garanderen tot aan pensionering (uitstapregeling of beëindiging van tewerkstelling).
Verzekeraars kennen een rendement toe die, de winstdeelname buiten beschouwing gelaten, lager is dan de verplichte minimum rendementsgarantie zoals opgelegd in de wet. In dit kader spreken we van de technische rentevoeten. Aangezien de werkgever verplicht wordt een minimum rendement te garanderen die hoger is dan de technische rentevoeten, worden niet alle actuariële en investeringsrisico’s overgedragen naar de verzekeringsmaatschappijen die deze plannen beheren. Bijgevolg voldoen deze plannen niet aan de definitie van toegezegdebijdrageregeling zoals opgenomen in IFRS en worden ze per definitie als toegezegdpensioenregeling gerangschikt.
In België omvatten de toegezegdebijdrageregelingen pensioenplannen, groepsverzekeringen en pensioenplannen die voorzien in uitgestelde vergoedingen voor bonussen van werknemers. De nettoverplichting op 31 december 2022 bedroeg 10 miljoen Euro (5 miljoen euro op 31 december 2021) en wordt bijna volledig verklaard door de bonuspensioenplannen. In 2022 bedroeg de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkost voor de Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement 15 miljoen euro (2021: 9 miljoen euro) of een toename met 6 miljoen Euro, voornamelijk verklaard door de toegezegde bonussen over het dienstjaar 2021 welke werden bijgedragen in het plan in 2022.
Alle voornoemde plannen worden met werkgeversbijdragen gefinancierd met uitzondering van de groepsverzekering voor kaderleden en uitvoerende bestuursleden die zowel met werkgevers- als werknemersbijdragen wordt gefinancierd. In 2022 bedroegen de jaarlijkse werkgeversbijdragen 15 miljoen euro (2021: 8 miljoen euro). De Groep verwacht een gelijkaardige bijdrage te storten voor 2023.
In de Groep betreffen de vergoedingen na uitdiensttreding van het type ‘Toegezegdpensioenregelingen’ vooral pensioenvoordelen. Het ‘Group Pension Committee,’ gecreëerd als een subcomité van het ‘Executive Committee’ van de Groep, assisteert het ‘Executive Committee’ in het toezicht en de supervisie van de verschillende binnen de Groep bestaande pensioenplannen en andere overeenkomsten die voorzien in vergoedingen na uitdiensttreding. Het comité adviseert het ‘Executive Committee’ over aangelegenheden in verband met het ontwerpen van personeelsbeloningsplannen zoals het aanpassen of beëindigen – geheel of gedeeltelijk – van de personeelsbeloningsplannen en de financiering ervan.
Naast het adviseren van het ‘Executive Committee’, is het ‘Group Pension Committee’ eveneens verantwoordelijk voor het toezicht op het plaatselijke bestuur, zijnde het lokale bestuur van het pensioenfonds en het bestuur van de verantwoordelijke werkgevers die bijdragen in dit fonds. Zij houdt toezicht op het vervullen van hun verantwoordelijkheden in pensioengerelateerde aangelegenheden.
Het ‘Group Pension Committee’ heeft voor de belangrijkste plannen die via een afzonderlijk pensioenfonds worden gefinancierd een strategische allocatie van de fondsbeleggingen vastgelegd. Het comité herbekijkt op regelmatige basis de gewenste onderverdeling van fondsbeleggingen om zich zo te verzekeren dat ze aangepast blijven aan de verschillende profielen van verplichtingen van pensioenfondsen.
Voor het beheer van de beleggingsfondsen wordt het ‘Group Pension Committee’ bijgestaan door het ‘Group Pension Investment Committee.’ Het ‘Group Pension Investment Committee’ heeft een ‘Group Investment Guideline’ uitgevaardigd welke door het ‘Group Pension Committee’ werd goedgekeurd. Het ‘Group Pension Committee’ houdt toezicht op de juiste toepassing van deze richtlijn.
186 TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
De Groep onderzoekt via haar ‘Group Pension Committee’ oplossingen om de omvang van de verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding te verminderen alsook de eraan verbonden risico’s. De laatste jaren heeft het ‘Group Pension Committee’ verschillende maatregelen voorgesteld en gerealiseerd zoals de sluiting van het ‘Fabriekspensioenplan’ voor nieuwe managers die in dienst treden vanaf 1 januari 2019, het aanbod in december 2018 om een specifiek deel van de rechten opgebouwd onder het ‘Agfa UK pension plan’ over te dragen aan een derde verzekeraar, de éénmalige afwikkeling in 2018 van pensioenverplichtingen aan niet-actieve leden met opgebouwde uitgestelde rechten in het pensioenplan van de Verenigde Staten van Amerika. De gepensioneerden van het ‘Agfa Corporation Pension Plan’ werd in 2019 de mogelijkheid geboden om hun rechten éénmalig af te kopen. In 2020 werden verdere acties ondernomen om de risico’s gekoppeld aan pensioenverplichtingen van het ‘Agfa Corporation Pension Plan’ in te perken door de betaling van een éénmalige premie aan de verzekeraar die de pensioenverplichtingen overneemt en de uitkering van pensioenrechten aan niet-actieve deelnemers met opgebouwde rechten en actieve deelnemers die per 1 december 2020 59,5 jaar of ouder zijn. In 2021 werden 70% van de pensioenverplichtingen van de gepensioneerden van het ‘Agfa UK pension plan’ ondergebracht in een verzekeringspolis die aan de werkgever de uitbetaling van de voordelen, waar de gepensioneerden recht op hebben, garandeert (‘buy-in’-contract). In 2022 werd een tweede ‘buy-in’-contract afgesloten waarbij de resterende pensioenverplichtingen van de gepensioneerden en het merendeel van de leden met uitgestelde rechten in een verzekeringspolis werden ondergebracht. Op het ogenblik van voornoemde transacties wordt door het pensioenplan een éénmalige premie betaald; de vergoedingen voor de leden van het plan worden vervolgens door de verzekeraar gestort in het plan op het ogenblik dat deze verschuldigd zijn. De opbrengsten die het plan collecteert van de verzekeraar zijn in overeenstemming met de uitgaande vergoedingen voor de leden waardoor het plan beschermd is tegen het risico op tekorten in activa om de toekomstige verplichtingen af te kunnen dekken. Het management van de Groep heeft geoordeeld dat het impact van de transactie behandeld kan worden als een actuarieel verlies op fondsbeleggingen dat weergegeven wordt in de niet-gerealiseerde resultaten gelet op de inhoud van de transactie zijnde een wijziging in het beheer van fondsbeleggingen. Dit besluit wordt tevens verder onderbouwd door de gezamenlijke beslissing van het management van de Groep en de trustees om het plan niet op te zeggen of af te wikkelen en dit zeker voor de komende vier jaren.
De belangrijkste toegezegdpensioenregelingen van de Groep gelden meestal voor alle werknemers en zijn gebaseerd op het salaris van de werknemer en het aantal jaren dienst. De karakteristieken en de risico’s van de pensioenregelingen worden hierna in detail besproken.
In België hebben de verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding voornamelijk betrekking op het basisplan, genaamd ‘Fabriekspensioenplan’. Dit plan is gefinancierd via bijdragen betaald aan een afzonderlijk pensioenfonds opgericht onder de rechtsvorm OFP (Organisme voor de Financiering van Pensioenen). Dit fonds heeft als taak om de pensioenrechten die de werkgevers, die participeren in het fonds, toezeggen aan de begunstigden van het plan, uit te keren. De werkgevers die deelnemen aan het fonds zijn Agfa-Gevaert NV, Agfa NV en Agfa Offset BV. Vanaf 1 januari 2019 is het ‘Fabriekspensioenplan’ tevens gesloten voor nieuwe managers van de Groep.
De deelnemers van het ‘Fabriekspensioenplan’ bouwen rechten op gebaseerd op een formule op basis van een laatste jaarlijks inkomen. Daar dit gefinancierd plan nog steeds nieuwe deelnemers toelaat en werknemers nog nieuwe pensioenrechten opbouwen, met uitzondering van nieuwe managers, stelt het plan de Onderneming bloot aan het risico op salarisverhoging naast andere risico’s zoals het interestrisico, het beleggingsrisico en het ‘longevity’-risico. Meer dan 95% van de deelnemers kiest voor een eenmalige uitkering bij pensionering, echter het plan is ontworpen als een renteplan. Het wettelijke en regulerend kader voor het ‘Fabriekspensioenplan’ is gebaseerd op de toepasbare Belgische wet, zijnde de wet van 27 oktober 2006 betreffende het toezicht op de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening en de Wet op de Aanvullende Pensioenen, kort WAP genoemd, van toepassing vanaf 1 januari 2004. Op basis van deze wetgeving wordt jaarlijks in het kader van de financiering een waardering gemaakt. De waarderingsmethode gebruikt om de bijdragen aan het Belgische OFP te bepalen is de ‘geaggregeerde kostmethode’. De bijdrage, bepaald conform de berekeningsmethode zoals vastgelegd in het financieringsplan, wordt uitgedrukt als een jaarlijks vast percentage van de loonlijst gerelateerde uitgaven ten einde de aan alle dienstjaren verbonden rechten te kunnen financieren.# Volgens het laatste actuariële verslag over de Belgische OFP, gedateerd januari 2022, bedraagt het LTV-financieringspercentage 120% (2021: 116,86%).
De Raad van Bestuur van het ‘Pensioenfonds Agfa-Gevaert OFP’ draagt de ultieme verantwoordelijkheid voor het beheer van de fondsbeleggingen en de verplichtingen van het ‘Fabriekspensioenplan’. Ze hebben het toezicht over de fondsbeleggingen gedelegeerd aan het ‘Local Investment Committee’ dat opereert binnen het kader vastgelegd door het ‘Group Pension Committee’.
De ‘Statement of Investment Principles (SIP)’ dat het ‘Local Investment Committee’ heeft gemaakt in overeenstemming met de ‘Group Investment’-richtlijnen, werd officieel goedgekeurd tijdens de Buitengewone Algemene Vergadering van het ‘Pensioenfonds Agfa-Gevaert OFP’ op 31 januari 2020. Het ‘Local Investment Committee’ dient te verzekeren dat de activa van het fonds goed en voorzichtig worden belegd, conform toepasbare wetten en in het belang van de deelnemers en begunstigden van het plan.
In Duitsland zijn er geen wettelijke of gereglementeerde minimale financieringseisen en bijgevolg zijn alle Duitse toegezegd-pensioenregelingen binnen de Groep ongefinancierd. De pensioenplannen in Duitsland omvatten een basisplan dat verbonden is met het pensioengerechtigd salaris geplafonneerd tot het maximum in aanmerking te nemen salaris voor sociale zekerheid en een aanvullend plan dat de vergoedingen dekt verbonden aan het pensioengerechtigd salaris dat dit plafond overtreft. Bijkomend is Agfa gehouden tot het verstrekken van een pensioenplan conform de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomsten in de chemische sector.
In Duitsland hebben we twee belangrijke pensioenplannen, het ‘oude pensioenplan,’ zijnde het plan dat vanaf 2005 gesloten is voor nieuwe deelnemers en het ‘nieuwe pensioenplan’ dat van toepassing is voor nieuwe deelnemers vanaf 2005. Met ingang van 1 januari 2010 konden er geen pensioenrechten meer worden opgebouwd onder het ‘oude pensioenplan’. De vroegere deelnemers van dit ‘oude pensioenplan’ bouwden vanaf deze datum pensioenrechten op in het ‘nieuwe pensioenplan’ maar kregen bijkomende vergoedingen toegezegd. Beide plannen omvatten een basispensioenplan en een aanvullend plan.
Onder het ‘oude pensioenplan’ wordt het basisplan via de ‘Bayer Pensionskasse (Penka)’ beheerd. De ‘Bayer Pensionskasse’ is een collectieve regeling van meerdere werkgevers die boekhoudkundig wordt verwerkt alsof het een toegezegdebijdrageregeling betreft (IAS 19.34 a). Het plan is een toegezegdpensioenregeling welke valt onder het beheer van de vroegere moederonderneming van Bayer AG. Het is boekhoudkundig verwerkt alsof het een toegezegdebijdrageregeling betreft daar we niet over de nodige informatie kunnen beschikken om het als een toegezegdpensioenregeling te verwerken. In geval van een tekort zou dit plan de Groep kunnen blootstellen aan een beleggings- en actuarieel risico. Echter de Groep is van oordeel dat deze risico's onbeduidend zijn.
Vanaf 2004 heeft Agfa de verantwoordelijkheid om de rente-uitkeringen aan te passen conform Sec. 16, 1 en 2 van de ‘German Pension Act (BetrAVG – Betriebsrentengesetz)’. Het basispensioen – in de vorm van rente – evenals de vereiste aanpassing van de pensioenrente tot en met 2003 wordt, conform voornoemde wettelijke bepalingen, rechtstreeks door de Penka uitgekeerd. Bijgevolg neemt Agfa, wat het basisplan betreft, uitsluitend haar verplichting tot aanpassing van de pensioenrente-uitkeringen na 2003 op in haar financiële staten.
De rechten opgebouwd onder het aanvullend plan, dat boekhoudkundig als een toegezegdpensioenregeling word verwerkt, zijn gebaseerd op ‘bijdragen’ (1) berekend als een vast percentage van het aandeel van het pensioengerechtigd salaris boven het geplafonneerd maximum in aanmerking te nemen salaris voor sociale zekerheid. Vervolgens wordt voor de omrekening van deze ‘bijdragen’ (1) naar individuele pensioenrechten gebruik gemaakt van een factor onafhankelijk van de leeftijd van deelnemers aan het plan.
Het ‘nieuwe pensioenplan’ omvat een basispensioenplan, zijnde een plan dat verbonden is met het pensioengerechtigd salaris geplafonneerd tot het maximum in aanmerking te nemen salaris voor sociale zekerheid, en een aanvullend plan waarbij rechten worden opgebouwd op het pensioengerechtigd salaris dat dit plafond overtreft.
Het basisplan wordt gefinancierd via bijdragen betaald aan de ‘Rheinische Pensionskasse’. Werknemers dragen bij aan de ‘Rheinische Pensionskasse’ via uitgestelde compensatie. Eenmaal de bijdrage wordt betaald aan de ‘Rheinische Pensionskasse’, hebben de ondernemingen van de Groep in principe geen verdere verplichtingen meer. Bijgevolg wordt dit plan boekhoudkundig verwerkt als een toegezegdebijdrageregeling.
Het nieuwe aanvullend plan, dat in de balans wordt opgenomen als een directe verplichting vanwege de werkgever, heeft in tegenstelling tot het vroegere plan, geen plafond voor het pensioengerechtigd salaris. De rechten opgebouwd onder het aanvullend plan zijn gebaseerd op ‘bijdragen’ (1) berekend als een vast percentage van het aandeel van het pensioengerechtigd salaris boven het geplafonneerd maximum in aanmerking te nemen salaris voor sociale zekerheid. In tegenstelling tot het oude plan worden vervolgens de ‘bijdragen’ (1) voor het aanvullend plan omgerekend naar individuele pensioenrechten gebruik makend van leeftijdsgebonden factoren en rekening houdend met vooraf bepaalde vaste toenamen van deze rechten. Vanaf 2012 voorziet het plan in een optie tot uitkering van een vaste som in plaats van maandelijkse rente-uitkeringen.
Werknemers die participeerden in het ‘oude pensioenplan’ op het ogenblik dat het vanaf 31 december 2009 werd gesloten voor verdere opbouw van pensioenrechten, krijgen bijkomende rechten toegekend door het bedrag van de werkgeversbijdrage te koppelen aan de omvang van de werknemersbijdrage. De werkgever draagt dus evenveel als de werknemer bij. De structuur zelf is gelijkaardig aan het nieuwe aanvullend plan zoals hierboven beschreven.
Het pensioenplan conform de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst in de chemische sector is gebaseerd op ‘bijdragen’ (1) die aan de hand van leeftijdsgebonden factoren worden omgezet naar individuele pensioenrechten. De werknemers dragen bij in dit plan via uitgestelde compensatie.
In Duitsland heeft Agfa ook een aantal kleinere plannen die het gevolg zijn van vroegere acquisities. In deze plannen worden er geen rechten meer opgebouwd. De verplichting in Duitsland wegens toegezegdpensioenregelingen omvat tevens pensioenplannen die volledig zijn gebaseerd op uitgestelde compensatiemodellen. De rechten, opgebouwd onder deze plannen, worden berekend op het bedrag per begunstigde dat jaarlijks wordt uitgesteld, vertaald naar pensioenrechten waarbij in sommige situaties rekening wordt gehouden met vooraf bepaalde jaarlijkse toenamen van deze rechten.
Voor het personeel van HealthCare IT zijn er pensioenplannen die door verschillende externe fondsen (Pensionskassen) worden beheerd. Deze plannen worden vooral gefinancierd via uitgestelde compensatiemodellen die boekhoudkundig als toegezegdebijdrageregelingen worden verwerkt. Bijkomend wordt aan de managers van HealthCare IT in Duitsland een plan gebaseerd op het pensioengerechtigd salaris verstrekt. Het betreft een congruent gefinancierd collectieve pensioenregeling (kongruent rückgedeckte Unterstützungskasse).
De verschillende plannen stellen de Onderneming bloot aan actuariële risico’s zoals het interestrisico, het risico op indexatie van pensioenuitkeringen en het ‘longevity’-risico. De kosten voor de Duitse toegezegdebijdrageregelingen zijn begrepen in het bedrag zoals weergegeven onder toelichting 13.1 voor de ‘materiële landen’.
(1) ‘Bijdragen’ in deze context betekent een berekeningsbasis voor de bepaling van de pensioenrechten.
Vanaf 2010 kunnen er geen rechten meer worden opgebouwd onder het ‘Agfa UK pension plan’. Dit plan wordt vanaf 2022 uitsluitend gefinancierd via bijdragen betaald door Agfa-Gevaert NV (voorheen tevens gefinancieerd door Agfa HealthCare UK Ltd. en Agfa Graphics Ltd.). De leden van het plan komen in aanmerking voor een vergoeding, bepaald via een formule op basis van een gemiddeld eindsalaris.
Vanaf de leeftijd van 55 jaar kunnen rechten, opgebouwd in dit plan, gedeeltelijk via een vast bedrag worden uitbetaald waarbij het restant wordt betaald via maandelijkse uitkeringen. Wanneer de personeelsbeloning voor de normale pensioenleeftijd van 65 jaar wordt opgenomen is er een actuariële aanpassing van de waarde van de personeelsbeloning. Leden die uitgestelde rechten hebben opgebouwd, maken aanspraak op een verhoging van hun rechten tot op het ogenblik van pensionering ten belope van de inflatie, berekend op basis van de CPI (index van consumptieprijzen). Pensioenuitkeringen nemen toe in lijn met de RPI (index van de kleinhandelsprijzen) met een minimum toename van 3% en een maximum toename van 5%.
Naast een inflatierisico is de Onderneming onderhevig aan actuariële risico’s zoals het beleggingsrisico, het interestrisico en het ‘longevity’-risico. De toegezegdpensioenregeling wordt beheerd via een trust waarbij de beslissingsbevoegdheid genomen wordt door de Raad van Bestuur van de trust. Zij hebben de plicht om uitsluitend te handelen in de beste belangen van de begunstigden conform de regels van de trust en de wetgeving in het Verenigd Koninkrijk.
In 2021 werden 70% van de pensioenverplichtingen van de gepensioneerden van het ‘Agfa UK pension plan’ ondergebracht in een verzekeringspolis die aan de werkgever de uitbetaling van de voordelen waar de gepensioneerden recht op hebben, garandeert (‘buy-in’-contract).# 13.2.2 Pensioenregelingen
In het kader van deze risicobeperkende verrichting heeft de Groep in 2021 90 miljoen pond sterling (105 miljoen euro) in het Agfa UK plan gestort. De bijdragen zoals vastgelegd in de overeenkomst met de trustees zijn bijgevolg effectief vervroegd waardoor er geen verdere bijdragen meer worden verwacht. In 2022 werd een tweede ‘buy-in’-contract afgesloten waarbij de resterende pensioenverplichtingen van de gepensioneerden en het merendeel van de leden met uitgestelde rechten in een verzekeringspolis werden ondergebracht. De resterende pensioenverplichtingen die betrekking hebben op deelnemers van het plan met beperkte pensioenrechten worden verwacht uitkeerbaar te zijn in één bedrag en blijven onverzekerd.
De financieringsvereisten worden bepaald op basis van een actuariële waardering die elke drie jaar wordt uitgevoerd conform de wettelijke bepalingen en veronderstellingen die in dit verband worden voorgeschreven. Bovendien wordt over de veronderstellingen een akkoord gesloten tussen de Onderneming en de trustees. De laatste actuariële waardering in het kader van de financieringsvereisten heeft plaats gevonden in april 2021 na de bijkomende storting in het Agfa UK plan ten bedrage van 90 miljoen pond. De financieringspositie in april 2021 toonde aan dat het plan een financieringsoverschot had en dat de vooruitzichten deze situatie bevestigen. Bijgevolg worden er geen verdere bijdragen meer verwacht als gevolg van de waarderingsoefening per 31 maart 2021.
De waarderingsoefening werd geüpdatet per 31 maart 2022 en een nieuwe update wordt verwacht tegen 31 maart 2023. De volgende volledige waarderingsoefening zal plaatsvinden op 31 maart 2024.
Volgens de laatst aangepaste waardering op 31 maart 2022 heeft de actuaris van het plan bevestigd dat er geen werknemersbijdragen noch werkgeversbijdragen voor dit plan verschuldigd zijn.
Vanaf 2009 kunnen er geen rechten meer worden opgebouwd onder het ‘Agfa Corporation Pension Plan.’ Agfa Corporation, Agfa HealthCare Corporation, Agfa Materials Corporation, Agfa Finance Corporation en Agfa US Corporation zijn deelnemende werkgevers in voornoemd plan.
De begunstigden van het plan maken aanspraak op een vergoeding bepaald via een formule op basis van een gemiddeld eindsalaris. Deze gesloten toegezegdpensioenregeling stelt de Onderneming bloot aan actuariële risico’s zoals het beleggingsrisico, het interestrisico en het ‘longevity’-risico.
De activa van de toegezegdpensioenregeling worden beheerd via een trust. De Raad van Bestuur van Agfa Corporation, de entiteit die verantwoordelijk is voor het betalen van de bijdragen voor het plan, delegeert beleggingsbeslissingen evenals het toezicht op de beleggingen aan een lokaal beleggingscomité, het ‘Benefits Plan Investment Committee (BPIC)’. De leden van het BPIC zijn ertoe gehouden uitsluitend in de beste belangen van de begunstigden te handelen, in overeenstemming met de trustovereenkomst en de wetgeving in de Verenigde Staten van Amerika.
Het wettelijke en regulerend kader voor de plannen is gebaseerd op de toepasbare wetgeving in de Verenigde Staten van Amerika, zijnde de ‘US legislation Employee Retirement Income Security Act (ERISA)’. Op basis van deze wetgeving wordt, in het kader van de financieringsvereisten, jaarlijks een waardering opgemaakt. De verantwoordelijke werkgever van het plan en de deelnemende werkgevers betalen bijdragen voor het plan in de mate dat dit noodzakelijk is – conform actuariële berekeningen – om de vergoedingen te kunnen uitkeren aan de leden van het plan.
Minimale bijdragen zijn gebaseerd op de vereisten zoals bepaald door de ‘Employee Retirement Income Security Act’ (ERISA) van 1974 en de ‘Pension Protection Act (PPA)’ van 2006. Volgens de PPA zijn de actuarissen ertoe gehouden om elk jaar het financieringspercentage van het plan te certificeren. Het financieringspercentage voor 2022 bedraagt 109,97% (2021: 102,91%) en werd vastgesteld in maart 2023.
Onderstaande drie tabellen geven de aansluiting van de openingswaarden naar de slotwaarden van zowel de nettoverplichting als haar componenten weer.
MILJOEN EURO
| | 2021 | 2022 |
| :--- | :--- | :--- |
| | Pensioenregelingen (exclusief Belgische DC-plannen) | Belgische DC-plannen met gewaarborgd rendement | TOTAAL | Pensioenregelingen (exclusief Belgische DC-plannen) | Belgische DC-plannen met gewaarborgd rendement | TOTAAL |
| Nettoverplichting op 1 januari | 961 | 95 | 1056 | 976 | 80 | 1056 |
| Pensioenkosten weergegeven in de winst- en verliesrekening | 20 | 1 | 21 | 18 | 1 | 19 |
| Totaal herwaarderingen opgenomen in ‘Niet-gerealiseerde resultaten’ | (11) | (1) | (12) | (240) | (5) | (245) |
| Netto transferten in/(uit) inclusief de impact van overnames en afstotingen | - | - | - | (1) | - | (1) |
| Kasstroomoverzicht Werkgeversbijdragen | (206) | (1) | (207) | (19) | (2) | (21) |
| Uitkeringen rechtstreeks betaald door de Onderneming | (10) | - | (10) | (23) | - | (23) |
| Valutakoersverschillen | 1 | - | 1 | 1 | - | 1 |
| Nettoverplichting op 31 december | 765 | 94 | 859 | 733 | 74 | 807 |
De bijdragen voor 2021 zijn beïnvloed door éénmalige bijdragen in het Verenigd Koninkrijk (105 miljoen euro) en in België (9 miljoen euro).
MILJOEN EURO
| | 2021 | 2022 |
| :--- | :--- | :--- |
| | Pensioenregelingen (exclusief Belgische DC-plannen) | Belgische DC-plannen met gewaarborgd rendement | TOTAAL | Pensioenregelingen (exclusief Belgische DC-plannen) | Belgische DC-plannen met gewaarborgd rendement | TOTAAL |
| Aan de diensttijd toewijsbare pensioenkost | | | | | | |
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten, exclusief werknemersbijdragen | 10 | 0 | 10 | 11 | 0 | 11 |
| Pensioenkosten van verstreken diensttijd | - | - | - | - | - | - |
| (Winsten)/verliezen uit belangrijke inperking/ beëindiging van de regelingen | - | - | - | - | - | - |
| Totaal aan de diensttijd toewijsbare pensioenkost | 10 | 0 | 10 | 11 | 0 | 11 |
| Netto financieringskost | | | | | | |
| Interestkosten | 10 | 0 | 10 | 15 | 0 | 15 |
| Interestinkomen op fondsbeleggingen | (10) | (0) | (10) | (15) | (0) | (15) |
| Totale netto financieringskost | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Administratieve kosten en belastingen | 1 | 0 | 1 | 1 | 0 | 1 |
| PENSIOENKOSTEN WEERGEGEVEN IN DE WINST- EN VERLIESREKENING | 11 | 0 | 11 | 12 | 0 | 12 |
| Actuariële verliezen (winsten) | | | | | | |
| Aanpassingen aan de verplichtingen van de regelingen – verliezen (winsten) – op grond van ervaring | (12) | (1) | (13) | 18 | 1 | 19 |
| Demografische veronderstellingen | (1) | 0 | (1) | (0) | 0 | 0 |
| Financiële veronderstellingen | (17) | (1) | (18) | (170) | (5) | (175) |
| Rendement op fondsbeleggingen excl. interestinkomen | 20 | 1 | 21 | 180 | 3 | 183 |
| Totaal herwaarderingen opgenomen in ‘Niet-gerealiseerde resultaten’ | (10) | (1) | (11) | (25) | (1) | (26) |
| TOTALE PENSIOENKOST VAN DE PERIODE | 1 | 0 | 1 | (13) | (1) | (14) |
De totale pensioenkost van toegezegdpensioenregelingen voor de materiële landen van de Groep opgenomen in 2022 in de winst- en verliesrekening en in ‘Niet-gerealiseerde resultaten’ bedroeg een opbrengst van 102 miljoen euro (2021: een opbrengst van 53 miljoen euro). Van dit bedrag wordt 44 miljoen euro kost opgenomen in de winst- en verliesrekening van de Groep over 2022 (2021: 41 miljoen euro kost). Het saldo, zijnde een niet gerealiseerde opbrengst van 145 miljoen euro voor 2022 (voor 2021 een opbrengst van 94 miljoen euro) wordt opgenomen in de ‘Niet-gerealiseerde resultaten’ onder ‘Herwaardering van de nettoverplichting’. Deze herwaardering vloeit voort uit wijzigingen in demografische en financiële veronderstellingen en aanpassingen op grond van ervaring, welke hun oorsprong vinden in zowel de verplichtingen als de fondsbeleggingen van toegezegdpensioenregelingen. In 2022 zijn de niet-gerealiseerde winsten op financiële veronderstellingen voornamelijk het gevolg van de toegenomen disconteringsvoet.
De contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen, de fondsbeleggingen en de financiering van de regelingen in de materiële landen worden hierna weergegeven.
MILJOEN EURO
| | 2021 | 2022 |
| :--- | :--- | :--- |
| | Pensioenregelingen (exclusief Belgische DC-plannen) | Belgische DC-plannen met gewaarborgd rendement | TOTAAL | Pensioenregelingen (exclusief Belgische DC-plannen) | Belgische DC-plannen met gewaarborgd rendement | TOTAAL |
| Wijziging in de contante waarde van de brutoverplichting | | | | | | |
| Contante waarde van de brutoverplichting op 1 januari | 925 | 188 | 1113 | 864 | 174 | 1038 |
| Aan de diensttijd toewijsbare pensioenkost | | | | | | |
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten, exclusief werknemersbijdragen | 10 | 0 | 10 | 11 | 0 | 11 |
| Pensioenkosten van verstreken diensttijd | - | - | - | - | - | - |
| Belangrijke inperking/beëindiging van de regelingen | - | - | - | - | - | - |
| Financieringskosten | 10 | 0 | 10 | 15 | 0 | 15 |
| Kasstroomoverzicht | | | | | | |
| Uitkeringen | (17) | (1) | (18) | (23) | (2) | (25) |
| Werknemersbijdragen | - | - | - | - | - | - |
| Betaalde premies | - | - | - | - | - | - |
| Verhoging (verlaging) tengevolge van transferten, inclusief de impact van overnames en afstotingen | - | - | - | (16) | (1) | (17) |
| Herwaarderingen | | | | | | |
| Effect van demografische veronderstellingen | (1) | 0 | (1) | (0) | 0 | 0 |
| Effect van financiële veronderstellingen | (17) | (1) | (18) | (170) | (5) | (175) |
| Effecten op grond van ervaring | (12) | (1) | (13) | 18 | 1 | 19 |
| Valutakoersverschillen | 13 | - | 13 | (18) | - | (18) |
| Contante waarde van de brutoverplichting op 31 december | 765 | 94 | 859 | 733 | 74 | 807 |
| Wijziging in fondsbeleggingen | | | | | | |
| Reële waarde van fondsbeleggingen op 1 januari | 727 | 118 | 845 | 704 | 114 | 818 |
| Financieringsbaten | 10 | 0 | 10 | 15 | 0 | 15 |
| Werkgeversbijdragen | 206 | 1 | 207 | 19 | 2 | 21 |
| Werknemersbijdragen | - | - | - | - | - | - |
| Uitkeringen | (17) | (1) | (18) | (23) | (2) | (25) |
| Administratieve kosten en belastingen | (1) | 0 | (1) | (1) | 0 | (1) |
| Betaalde premies | - | - | - | - | - | - |
| Verhoging (verlaging) tengevolge van transferten, inclusief de impact van overnames en afstotingen | - | - | - | (16) | (1) | (17) |
| Rendement op fondsbeleggingen excl. | 20 | 1 | 21 | 180 | 3 | 183 |## 13.2.3 Pensioenverplichtingen
interestinkomen () () () () () ()
Valutakoersverschillen - () - ()
Reële waarde van fondsbeleggingen op december . .
Financieringspositie op december
Financieringspositie
Eect van vermogensplafond - - - - - -
Nettoverplichting op december
Op 31 december 2022 bedroeg de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen – exclusief de toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement – voor de materiële landen van de Groep 1.270 192 miljoen euro (1.767 miljoen euro op 31 december 2021), waarvan 789 miljoen euro (1.088 miljoen euro op 31 december 2021) betrekking heeft op geheel of gedeeltelijk genancierde toegezegdpensioenregelingen en de overige 481 miljoen euro (679 miljoen euro op 31 december 2021) betrekking heeft op ongenancierde toegezegdpensioenregelingen. Het nancieringstekort voor de Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement bedroeg op 31 december 2022 10 miljoen euro (5 miljoen euro op 31 december 2021). Het nancieringstekort voor deze plannen is gelijk aan het verschil tussen de contante waarde van de brutoverplichtingen (DBO) ten bedrage van 134 miljoen euro (191 miljoen euro op 31 december 2021) en de fondsbeleggingen ten bedrage van 124 miljoen euro (187 miljoen euro op 31 december 2021).
### 13.2.4 Contante waarde van de brutoverplichtingen - Belangrijke actuariële veronderstellingen op rapporteringsdatum
De verplichtingen en pensioenkost van de periode met betrekking tot toegezegdpensioenregelingen van de Groep worden bepaald door gebruik te maken van actuariële waarderingen die gebaseerd zijn op actuariële veronderstellingen. Op het einde van de boekjaren 2021 en 2022 werden volgende belangrijke actuariële veronderstellingen (gewogen gemiddelden) gebruikt.
| 31 december 2021 | 31 december 2022 | |
|---|---|---|
| Disconteringsvoet | 1,93% | 2,77% |
| Prijsinflatie | 1,10% | 1,98% |
De hierboven weergegeven gemiddelde disconteringsvoeten en prijsinflatie worden bepaald op basis van de actuariële veronderstellingen welke toegepast worden in de verschillende toegezegdpensioenregelingen van de materiële landen van de Groep, gewogen op basis van de contante waarde van de brutoverplichting uit hoofde van betreffende toegezegdpensioenregelingen. De gewogen inflatievoet heeft betrekking op België, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk (RPI). De inflatie over het jaar 2022 werd mee begrepen in de basisdata die als uitgangspunt voor de actuariële berekeningen werd gebruikt en is bijgevolg niet weerspiegeld in de evolutie van de prijsinflatie in vergelijking met vorig jaar. De disconteringsvoeten worden bepaald op basis van het marktrendement op balansdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid, die een kredietrating van minstens AA van een belangrijk ratingagentschap toegewezen krijgen, met een resterende looptijd die consistent is met de geschatte looptijd van de verplichtingen.
Gewogen gemiddelde duratie
De Groep heeft de gewogen gemiddelde duratie bepaald door de gemiddelde duraties te nemen berekend via sensitiviteitsanalyse +25bps en -25bps op de disconteringsvoet voor de pensioenplannen van de materiële landen van de Groep. Op 31 december 2022 bedraagt de gewogen gemiddelde duratie 10,3 jaar (13,2 jaar op 31 december 2021).
Sensitiviteitsanalyse
Onderstaande tabel geeft de sensitiviteit weer van een verandering in bepaalde veronderstellingen op 31 december 2022 met betrekking tot de pensioenregelingen van de materiële landen van de Groep:
| MILJOEN EURO | Impact op de contante waarde van de verplichtingen op 31 december 2022 |
|---|---|
| Daling in disconteringsvoet met 25 basispunten | 75 |
| Stijging in disconteringsvoet met 25 basispunten | (91) |
| 25 bp afname in prijsinflatie | (17) |
| 25 bp toename in prijsinflatie | 20 |
| Verbetering in de sterftetafel waarbij wordt verondersteld dat werknemers één jaar langer leven | 30 |
| Verslechtering in de sterftetafel waarbij wordt verondersteld dat werknemers één jaar minder leven | (25) |
Er wordt verondersteld dat indien de prijsinflatie toeneemt/afneemt, dat tevens de andere assumpties welke gelinkt zijn aan de inflatie, zoals salaris en pensioenuitkeringen gelinkt aan prijsinflatie eveneens toenemen/afnemen.
### 13.2.5 Fondsbeleggingen
Reële waarde van fondsbeleggingen onderverdeeld naar belangrijkste categorieën
De reële waarde van fondsbeleggingen onderverdeeld naar belangrijkste categorieën van de materiële landen van de Groep omvatten:
| 31 december 2021 | 31 december 2022 | |
|---|---|---|
| Geldmiddelen, kasequivalenten en overige | 75 | 10 |
| Aandelen | 316 | 313 |
| Rentedragende instrumenten | 575 | 375 |
| Investeringsfondsen | 41 | - |
| Fondsbeleggingen bij verzekeraars (1) | 675 | 688 |
| TOTAAL | 1.682 | 1.386 |
(1) Toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement en het verzekerings-(‘buy-in’)contract in het VK. De risicobeperkende acties uitgevoerd in 2021 in het VK omvatten het onderbrengen van 70% van de pensioenverplichtingen van de gepensioneerden (239 miljoen euro op 31 december 2021) in een verzekeringspolis (‘buy-in’-contract) evenals een wijziging in de beleggingsstrategie door belegging in investeringsfondsen om zo beter aan te sluiten met de verplichtingen van het plan en tevens het interest- en inflatierisico te verminderen. In 2022 werd in het VK de resterende pensioenverplichtingen van de gepensioneerden en de leden met uitgestelde pensioenrechten in een verzekeringspolis (‘buy-in’-contract) ondergebracht zodat nagenoeg alle verplichtingen van het plan zijn afgedekt door een verzekeringspolis (319 miljoen euro op 31 december 2022). De aandelen en rentedragende instrumenten werden belegd volgens de principes van passief beheer (‘index tracking’). De reële waarde van fondsbeleggingen omvat per jaareinde 2021 en 2022 geen aandelen of rentedragende instrumenten van de Onderneming of haar dochterondernemingen.
### 13.3.6 Verwachte pensioenkosten en kasstromen voor 2023
De Groep verwacht dat de pensioenkost op te nemen in de winst- en verliesrekening voor de materiële landen voor 2023 in totaal 48 miljoen euro zal bedragen. Dit bedrag omvat voor 27 miljoen euro aan het dienstjaar toegerekende pensioen (waarvan 13 miljoen euro betrekking heeft op Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement), 2 miljoen euro aan administratiekosten en belastingen en 20 miljoen euro interestkost op de nettoverplichting. Voor het boekjaar 2023 verwacht de Groep 15 miljoen euro bij te dragen voor haar materiële pensioenregelingen (16 miljoen euro voor 2022). Dit bedrag houdt geen rekening met 15 miljoen euro verwachte premiebetalingen voor de toegezegde-bijdrageregelingen in België. Bijkomend verwacht de Groep 39 miljoen euro uitkeringen rechtstreeks door de Onderneming betaalbaar aan de begunstigden uit te keren. Voor de toegezegdpensioenregelingen omvatten de verwachte kasuitgaven en pensioenkosten voor 2023 tevens de bedragen voor de Offset Solutions divisie, op jaarbasis ingeschat op 5 miljoen euro, respectievelijk 3 miljoen euro.
## 14. LANGETERMIJNONTSLAGVERGOEDINGEN
Langetermijnontslagvergoedingen zijn het gevolg van de verplichting van de Groep om hetzij de tewerkstelling voor de normale pensioenleeftijd te beëindigen, hetzij om een ontslagvergoeding te betalen als gevolg van een aanbod ter aanmoediging van vrijwillige pensionering. Op 31 december 2022 bedroeg de langetermijnontslagvergoeding 5 miljoen euro (8 miljoen euro op 31 december 2021) en betrof hoofdzakelijk afvloeiingspremies afgesproken met werknemers in het kader van vervroegde pensionering. Deze regelingen betroffen werknemers van de Belgische ondernemingen van de Groep.
## 15. OP AANDELEN GEBASEERDE BETALINGEN
In de loop van 2020 heeft de Raad van Bestuur Mr. Pascal Juéry benoemd als CEO van de Agfa-Gevaert Groep en gedelegeerd bestuurder. Er werd een lange-termijn variabele vergoeding toegekend aan Mr. Juéry ingebed in een Stock Appreciation Rights Plan dat tot een bijkomende cash bonus kan leiden. De belangrijkste componenten van dit Stock Appreciation Rights Plan zijn de volgende:
· Over een periode van vijf jaar, die aanvangt op 1 februari 2020, zal Mr. Juéry jaarlijks 200.000 Stock Appreciation Rights ontvangen;
· De ‘strike price’ voor deze Stock Appreciation Rights werd voor het jaar 2020 vastgesteld op 4,75 euro (naar beneden aan te passen voor iedere dividenduitkering). Vanaf 2021 wordt de ‘strike price’ gebaseerd op de gemiddelde slotkoers van het Agfa-Gevaert aandeel in de 30 dagen voorafgaand aan de toekenningsdatum. De ‘strike price’ voor deze tweede tranche bedraagt 3,7793 euro, en voor de derde tranche 3,6 euro. Op 31 december 2022 bedragen de totale uitstaande Stock Appreciation Rights 600.000; zijnde 200.000 aan een ‘strike price’ van 4,75 euro, 200.000 aan een ‘strike price’ van 3,7793 euro, en 200.000 aan een ‘strike price’ van 3,6 euro;
· De Stock Appreciation Rights worden voor één/derde van iedere toekenning verworven op het einde van ieder kalenderjaar gedurende een periode van drie jaar;
· De Stock Appreciation Rights kunnen ten vroegste drie jaar na de toekenning uitgeoefend worden. De reële waarde van dit Stock Appreciation Rights Plan werd berekend aan de hand van een Black & Sholes model, met een verwachte levensduur van 10 jaar voor de eerste twee tranches en een verwachte levensduur van vijf jaar voor de derde tranche. De reële waarde wordt getoond als een verplichting met reële-waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening (2022: -0,1 miljoen euro; 2021: -0,3 miljoen euro). In de loop van 2021 en 2022 werd er een langetermijnvergoeding toegekend aan een groep van sleutelpersoneelsleden van de Groep, ingebed in een Stock Appreciation Rights Plan dat tot een bijkomende cash bonus kan leiden.De belangrijkste componenten van dit Stock Appreciation Rights Plan zijn de volgende:
De reële waarde van dit Stock Appreciation Rights Plan werd berekend aan de hand van een Black & Sholes model, met een verwachte levensduur van vijf jaar. De reële waarde wordt getoond als een verplichting met reële-waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening (2022: -0,2 miljoen euro; 2021: -0,3 miljoen euro). De totale verplichting met betrekking tot op aandelen gebaseerde betalingen bedraagt 1 miljoen euro per 31 december 2022.
De opsplitsing tussen kortlopende en langlopende overige personeelsbeloningen is voorgesteld in de onderstaande tabel:
| 2022 | 2021 | |
|---|---|---|
| Langlopende personeelsbeloningen | 11 | 12 |
| Kortlopende personeelsbeloningen | ||
| Verplichtingen voor sociale bijdragen | 9 | 9 |
| Te betalen lonen | 7 | 8 |
| Overige kortlopende personeelsbeloningen | 1 | 1 |
| TOTAAL | 28 | 30 |
Overige langetermijnpersoneelsbeloningen hebben betrekking op een plan inzake langdurige invaliditeit in de VS, de plannen ‘Jubilee’ en Pensionsurlaub’ in Duitsland en sommige andere vergoedingen wegens langediensttijd. Op 31 december 2022 bedroeg de totale verplichting uit overige langetermijnpersoneelsbeloningen 9 miljoen euro (11 miljoen euro op 31 december 2021).
Overige kortetermijnpersoneelsbeloningen omvatten verplichtingen met betrekking tot het personeelsbestand in ruime zin, zijnde verplichtingen voor vakantiegeld en flexi-tijdoverschot, verzekering van loon en salaris in geval van ziekte betaalbaar binnen de 12 maanden, kortetermijnvergoedingen voor arbeidsongeschiktheid, bonusvergoedingen en andere betalingen inzake overeenkomsten voor winstdeelname.
195
AgfA-gevAert – jAArverslAg 2022
De Groep is onderworpen aan winstbelastingen in een groot aantal rechtsgebieden. Er bestaan onzekerheden betreffende de interpretaties van complexe fiscale regelgevingen in de respectieve landen. De Groep erkent verplichtingen voor elementen die tijdens een belastingcontrole mogelijk op de voorgrond kunnen treden, gebaseerd op aanvaardbare schattingen betreffende het al dan niet verschuldigd zijn van bijkomende belastingen, waarbij diverse factoren in aanmerking worden genomen zoals ervaring met vorige belastingcontroles en afwijkende interpretaties tussen enerzijds de entiteit die wordt belast en de belastingautoriteit. Verschillen die ontstaan tussen reële resultaten en gemaakte assumpties of toekomstige veranderingen aan dergelijke assumpties kunnen aanpassingen aan de belastinglast van toekomstige periodes noodzakelijk maken.
De Groep volgt nauwlettend de ontwikkelingen inzake winstbelastingen bij de OECD (Pillars 1 en 2), de Europese Gemeenschap (Pillar 2 en andere regelgeving) op daar deze maatregelen een impact kunnen hebben op de fiscale positie op langere termijn.
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de winstbelastingen volgens aard:
| 2022 | 2021 | |
|---|---|---|
| Betaalde of verschuldigde winstbelastingen | 31 | 20 |
| Met betrekking tot dit boekjaar | 32 | 21 |
| Met betrekking tot voorgaande boekjaren | (1) | (1) |
| Uitgestelde winstbelastingen | 12 | (5) |
| Met betrekking tot tijdelijke verschillen | 12 | (5) |
| Met betrekking tot niet-gecompenseerde fiscale verliezen en ongebruikte fiscale verrekenbare tegoeden | 0 | 0 |
| Winstbelastingen | 43 | 15 |
Betaalde of verschuldigde winstbelastingen zijn toegenomen van 20 miljoen euro in 2021 naar 31 miljoen euro in 2022. Deze toename is voornamelijk het gevolg van wijzigingen in de groepsstructuur zoals de creatie van afzonderlijke vennootschappen ter voorbereiding van de verkoop van de divisie Offset Solutions wat geresulteerd heeft in belastbare winsten.
Uitgestelde winstbelastingen zijn geëvolueerd van een opbrengst van 5 miljoen euro naar een uitgestelde belastingkost van 12 miljoen euro in 2022. Dit is voornamelijk het gevolg van afwaarderingen op uitgestelde belastingvorderingen, erkend in voorgaande jaren met betrekking tot de Offset Solutions bedrijfsactiviteit, waarvan wordt ingeschat dat ze niet langer gerealiseerd kunnen worden.
De belangrijkste componenten van de winstbelastingen worden afzonderlijk toegelicht in de tabel die de aansluiting weergeeft tussen het gemiddelde effectieve belastingtarief en het toepasselijke belastingtarief in toelichting 17.3.2.
Per 31 december 2022 bedragen actuele vorderingen uit winstbelastingen 56 miljoen euro (2021: 63 miljoen euro), waarvan 80% betrekking heeft op belastingkrediet voor onderzoek en ontwikkeling. Actuele verplichtingen uit winstbelastingen bedragen 29 miljoen euro (2021: 28 miljoen euro), waarvan 16 miljoen euro (2021: 17 miljoen euro) onzekere belastingschulden. Van deze onzekere belastingschulden is 8 miljoen euro (2021: 9 miljoen euro) gerelateerd aan lopende belastingaudits, procedures en geschillen in verschillende jurisdicties. De resterende 7 miljoen euro aan onzekere belastingschulden betreft mogelijke herzieningen van transferprijzen. Hoewel de Groep overtuigd is dat alle intragroep transacties marktconform en gedocumenteerd zijn verlopen, worden transferprijzen continu onderworpen aan nauwkeurig onderzoek door fiscale overheden wereldwijd. Sommige onderhandelingen met fiscale overheden kunnen leiden tot dubbele belasting, waarbij de uitkomst van procedures alsnog een negatieve impact kan hebben op de uiteindelijke belastingkost.
196
TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
Actuele winstbelastingen voor de huidige en voorgaande periodes, in de mate dat ze nog niet betaald zijn, zijn erkend als een verplichting. Indien het bedrag, reeds betaald met betrekking tot de huidige en voorgaande periodes, groter is dan het bedrag verschuldigd voor die periodes, is het verschil erkend als een vordering. Actuele vorderingen uit winstbelastingen en actuele verplichtingen uit winstbelastingen worden gecompenseerd als ze betrekking hebben op winstbelastingen geheven door dezelfde belastingautoriteit en als ze bestemd zijn om te worden afgewikkeld op een netto basis.
De Groep meent op grond van de beoordeling van talrijke factoren, zoals hierboven uitgelegd, dat de opgenomen belastingverplichtingen toereikend zijn voor alle nog openstaande belastingjaren.
Uitgestelde belastingvorderingen zijn de bedragen van de winstbelastingen die terugvorderbaar zijn in toekomstige periodes met betrekking tot aftrekbare tijdelijke verschillen, niet-gecompenseerde fiscale verliezen en ongebruikte fiscale verrekenbare tegoeden.
Uitgestelde belastingvorderingen worden erkend wanneer er voldoende zekerheid is over de beschikbaarheid van toekomstige belastbare winsten om de tijdelijke verschillen, niet-gecompenseerde fiscale verliezen en ongebruikte fiscale verrekenbare tegoeden te kunnen gebruiken.
De Groep beoordeelt op geregelde tijdstippen de realiseerbaarheid van haar uitgestelde belastingvorderingen, voornamelijk op basis van de langetermijnplanning voor de bedrijfssegmenten HealthCare IT, Radiology Solutions, Digital Print & Chemicals en Offset Solutions rekening houdend met de winsten uit het verleden en geschatte toekomstige fiscale winsten van de betreffende geconsolideerde entiteiten. Andere parameters zoals het verwachte tijdstip van de afwikkeling van bestaande tijdelijke verschillen en strategieën betreffende planning van de fiscale winst worden eveneens bij deze beoordeling in aanmerking genomen.
Belangrijke wijzigingen aan bedrijfsplannen en/of goederen- en dienstenstromen die de fiscale winsten of verliezen van bepaalde entiteiten van de Groep beïnvloeden, kunnen een impact hebben op de realisatie van uitgestelde belastingvorderingen. Verschillen die ontstaan tussen reële resultaten en gemaakte assumpties of toekomstige veranderingen aan dergelijke assumpties, kunnen resulteren in het tegenboeken van bepaalde uitgestelde belastingvorderingen wat aanleiding geeft tot een verhoogd effectief belastingtarief voor de Groep.
Uitgestelde belastingverplichtingen zijn de bedragen van de winstbelastingen die verschuldigd zijn in toekomstige periodes met betrekking tot belastbare tijdelijke verschillen.
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden gecompenseerd als ze betrekking hebben op winstbelastingen geheven door dezelfde belastingautoriteit.# 197 Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
De uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen kunnen als volgt worden toegewezen:
| 31 december 2022 | 31 december 2021 | |
|---|---|---|
| Activa Passiva | Netto Activa | |
| Immateriële activa en goodwill | 15 | 1 |
| Materiële vaste activa | 21 | 20 |
| Recht-op-gebruik activa | - | 25 |
| Geassocieerde deelnemingen en financiële vaste activa | - | 2 |
| Voorraden | 10 | 6 |
| Handelsvorderingen | 3 | 20 |
| Voorzieningen en verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding | 27 | 2 |
| Verplichtingen uit leaseovereenkomsten | 21 | - |
| Andere vlottende activa & overige verplichtingen | 17 | 17 |
| Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen met betrekking tot tijdelijke verschillen | 127,5 | 9,5 |
| Niet-gecompenseerde fiscale verliezen | 12 | - |
| Ongebruikte fiscale verrekenbare tegoeden | 1 | - |
| Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen voor saldering | 140,5 | 9,5 |
| Saldering | (7,4) | (7,4) |
| Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen | 133,1 | 2,1 |
De beweging in tijdelijke verschillen gedurende 2021-2022 wordt toegelicht in toelichting 17.4. Per 31 december 2022 bedragen de netto uitgestelde belastingvorderingen 82 miljoen euro (2021: 118 miljoen euro). Meer dan de helft van dit saldo heeft betrekking op de HealthCare IT bedrijfsactiviteit, voornamelijk gelinkt aan fiscale verliezen en fiscale aftrekbare tijdelijke verschillen voor onderzoek en ontwikkeling in belangrijke jurisdicties. De niet-gecompenseerde fiscale verliezen zijn onbeperkt in de tijd recupereerbaar. De Groep is van mening dat deze erkende uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot HealthCare IT gerealiseerd kunnen worden tegen 2030, rekening houdend met het negatieve impact van nieuwe goedgekeurde wetgeving in België in anticipatie van de implementatie van de OECD Pillar 2 regels. Volgens deze wetgeving is het jaarlijks gebruik van bepaalde fiscale voordelen beperkt tot 1 miljoen euro verhoogd met 40% op het overschot, wat theoretisch resulteert in een minimum effectieve belastingvoet van 15%. Zonder deze impact verwacht de Groep deze uitgestelde belastingvorderingen tegen 2028 te kunnen recupereren. Andere belangrijke aftrekbare tijdelijk verschillen en de daaruit resulterende uitgestelde belastingvordering hebben voornamelijk betrekking op fiscale aftrekbare tijdelijke verschillen over toegezegdpensioenregelingen in Duitsland, voornamelijk met betrekking tot actieve medewerkers. 97% van de fiscale verliezen zijn geconcentreerd in zeven entiteiten in België, de VS en Duitsland en slechts voor 6% van de totale som aan fiscale verliezen worden uitgestelde belastingvorderingen opgenomen. Voor de niet-gecompenseerde fiscale verliezen, de ongebruikte fiscale verrekenbare tegoeden en tijdelijke verschillen werden geen uitgestelde belastingvorderingen opgenomen voor onderstaande bedragen omdat het niet waarschijnlijk is dat er toekomstige fiscale winst beschikbaar zal zijn waarmee deze kunnen worden verrekend:
De impact van de uitgestelde belastingvordering op de ongebruikte tijdelijke verschillen, de ongebruikte fiscale verrekenbare tegoeden en de niet-gecompenseerde fiscale verliezen vervalt als volgt:
| Tijdelijke verschillen | Fiscale verliezen | Belastingkredieten | TOTAAL | |
|---|---|---|---|---|
| Vervalt in: | ||||
| 2023 | - | - | - | - |
| 2024 | - | - | - | - |
| 2025 | - | - | - | - |
| 2026 | - | - | - | - |
| 2027 | - | - | - | - |
| na 2027 | - | 12 | - | 12 |
| zonder vervaldatum | 118 | 17 | 4 | 139 |
| TOTAAL | 118 | 29 | 4 | 151 |
| 2022 | 2021 | |
|---|---|---|
| Winst (verlies) voor belastingen | 1 | (117) |
| Winstbelastingen | 18 | 56 |
| Belastingtarief | - | - |
| (25,7%) |
| 2022 | 2021 | |
|---|---|---|
| Winst (verlies) voor belastingen | 1 | (117) |
| Het product van het resultaat voor belastingen en het toepasselijke belastingtarief | (9) | (58) |
| Toepasselijke belastingtarief | (17) | 19,7% |
| (7.7%) | ||
| Fiscale niet aftrekbare lasten | 7 | 8 |
| Impact van fiscale verrekenbare tegoeden en andere verminderingen van de belastbare basis | (10) | (1) |
| Fiscale verliezen van het huidige jaar waarvoor geen uitgestelde belastingvordering werd opgenomen | 21 | 26 |
| Impact gebruikte fiscale verliezen waarvoor in het verleden geen uitgestelde belastingvordering werd opgenomen | (1) | (2) |
| Uitgestelde belastingvorderingen tegengeboekt/(erkend) op verliezen van vorige jaren | (10) | 2 |
| Aanpassingen met betrekking tot vorig boekjaar | 1 | 2 |
| Tegenboeking van aftrekbare tijdelijke verschillen waarvoor geen uitgestelde belastingvordering werd erkend | (16) | - |
| Roerende voorheffing | 1 | 2 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill en overige activa waarvoor geen uitgestelde belastingvordering werd erkend | - | (13) |
| Afwaarderingen op voorheen erkende uitgestelde belastingvorderingen op tijdelijke verschillen | - | (18) |
| Impact van wijzigingen in belastingtarieven | - | (1) |
| Overige | (2) | 1 |
| Winstbelastingen | 18 | 56 |
| Gemiddelde effectieve belastingtarief | - | - |
| (17,6%) |
(1) Het toepasselijke belastingtarief is het gewogen gemiddelde belastingtarief van de Onderneming en al haar geconsolideerde dochterondernemingen.
| 31 december 2020 | Verandering in waarderingsregels | Toewijzing van de 'excess' aankoopprijs aan de individuele aangekoste bestanddelen (zie toelichting 35) | Verandering van consolidatiekring | Opgenomen in de winst- en verliesrekening | Opgenomen in de niet-gerealiseerde winsten | Valutakoersverschillen | 31 december 2021 | Verandering van consolidatiekring | Opgenomen in de winst- en verliesrekening | Opgenomen in de niet-gerealiseerde winsten | Valutakoersverschillen | 31 december 2022 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Immateriële activa en goodwill | 16 | - | - | - | - | - | - | 16 | - | - | - | - | 16 |
| Materiële vaste activa | 1 | - | - | - | - | - | - | 1 | - | - | - | - | 1 |
| Recht-op-gebruik activa | (10) | - | - | - | - | - | - | (10) | - | - | - | - | (10) |
| Geassocieerde deelnemingen en financiële vaste activa | (2) | - | - | - | - | - | - | (2) | - | - | - | - | (2) |
| Voorraden | 15 | - | - | - | - | - | (1) | 14 | - | - | - | (1) | 13 |
| Handelsvorderingen | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Voorzieningen en verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding | 27 | - | - | - | 3 | (7) | 1 | 24 | - | 3 | (11) | - | 16 |
| Verplichtingen uit leaseovereenkomsten | 21 | - | - | - | (2) | - | 1 | 20 | - | (2) | - | - | 19 |
| Andere vlottende activa & overige verplichtingen | (1) | - | - | - | - | 1 | 1 | 1 | - | 1 | (1) | (1) | 0 |
| Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen met betrekking tot tijdelijke verschillen | 149 | - | - | - | 1 | (5) | 1 | 146 | (1) | - | (1) | (12) | 132 |
| Niet-gecompenseerde fiscale verliezen | 15 | - | - | - | 1 | (1) | - | 15 | - | (11) | - | - | 4 |
| Ongebruikte fiscale verrekenbare tegoeden | 2 | - | - | - | 1 | - | - | 3 | - | (1) | - | - | 2 |
| Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen voor saldering | 166 | - | - | - | 3 | (6) | 1 | 164 | (1) | (12) | (1) | (12) | 138 |
De uitgestelde belastingvordering op de voorzieningen en verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding die opgenomen zijn in de niet-gerealiseerde resultaten hebben betrekking op de herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregeling (IAS 19R). Deze uitgestelde belastingvorderingen zijn in 2022 significant afgenomen ten gevolge van de toegenomen disconteringsvoeten (zie toelichting 13).
Overige belastingvorderingen bedragen 28 miljoen euro (2021: 19 miljoen euro) en overige belastingverplichtingen bedragen 32 miljoen euro (2021: 28 miljoen euro). Overige belastingvorderingen en -verplichtingen hebben betrekking op overige belastingen, zoals BTW en andere indirecte belastingen. Overige belastingvorderingen en -verplichtingen worden gecompenseerd als ze betrekking hebben op belastingen geheven door dezelfde belastingautoriteit en er een wettelijk recht bestaat om te worden afgewikkeld op een nettobasis.
Op 1 juni 2022 heeft Agfa, Inca Digital Printers overgenomen. De overname omvat de portfolio van bestaande ultrasnelle multi-pass printers, met inbegrip van een sterke serviceorganisatie, een nieuw ontworpen lijn van single-pass printers voor diverse verpakkingstoepassingen, alsook de gezamenlijke ontwikkeling van een aangepaste in-line drukmachine in samenwerking met de toonaangevende fabrikant van golfkartonmachines BHS Corrugated. Inca Digital Printers heeft zijn hoofdkantoor in Cambridge, VK. Het is een toonaangevende ontwikkelaar en producent van geavanceerde ultrasnelle druk- en productietechnologieën voor sign & display-toepassingen en voor de snel groeiende markt van de digitale verpakkingsdruk. Inca is een ideale partner voor Agfa, met een complementaire portfolio van kwaliteitsvolle druksystemen en een sterk technologisch platform voor de lancering van robuuste single pass drukpersen voor de verpakkingsmarkt. De overname omvat de aankoop van 100% van de aandelen van twee ondernemingen in het Verenigd Koninkrijk, de overname van de activa en verplichtingen in de Verenigde Staten en de aankoop van toegewezen intellectuele eigendom. De aankoopprijs bedraagt 54 miljoen euro. De geïdentificeerde overgenomen immateriële activa betreffen de merknamen Inca en Onset; de verworven technologie de ‘onset multi-pass technology’ en zijn beide gewaardeerd volgens de ‘relief of royalty’-methode. De verworven technologie wordt afgeschreven over een periode van zeven jaar. De merknamen worden afgeschreven over een periode van zes jaar. De toegewezen intellectuele eigendom wordt afgeschreven over een periode van tien jaar. De goodwill uit de overname (2 miljoen euro) heeft voornamelijk betrekking op operationele synergieën en het personeelsbestand. De goodwill is fiscaal niet aftrekbaar.# 19.2 Overnames
De overname van Inca Digital Printers, die op 31 maart 2022 werd voltooid, had een significante impact op de financiële staten van de Groep.
Voorraden werden gewaardeerd tegen reële waarde, zijnde de verwachte verkoopprijs in de normale gang van zaken, verminderd met de verwachte afwerkings- en verkoopkosten en een redelijke winstmarge gebaseerd op de nodige te leveren inspanningen om de voorraad verkocht te krijgen. De opbrengsten uit overname sinds de overnamedatum bedragen 18 miljoen euro. Het nettoverlies bedraagt 5 miljoen euro. Dit verlies is in lijn met de verwachtingen van het management, en is ten gevolge een beslissing om Agfa inkten te implementeren op Inca printers, waarvoor de eerste verkopen zullen gerealiseerd worden in 2023. Daar bovenop door het feit dat de voorraden op overnamedatum gewaardeerd zijn aan reële waarde verminderd met verwachte afwerkings-en verkoopkosten en een redelijke winstmarge, kon er geen winstmarge gerealiseerd worden op de verkopen uit de begin-voorraad. Het management gelooft sterk dat de Inca overname aanleiding zal geven tot nieuwe groei-initiatieven. Kosten met betrekking tot de overname zijn immaterieel. De bruto contractuele waarde van de handelsvorderingen bedraagt 4 miljoen euro, wat ook de reële waarde is. Op overnamedatum zijn er geen overgenomen handelsvorderingen waarvoor de contractuele kasstromen niet geïnd zouden kunnen worden.
De overname heeft het volgende effect gehad op de geconsolideerde staten en het geconsolideerde kasstroomoverzicht van de Groep:
| MILJOEN EURO | Inca Digital Printers |
|---|---|
| Immateriële activa met beperkte looptijd | |
| Merknamen | 18 |
| Toegewezen intellectuele eigendom | 35 |
| Technologie | 20 |
| Materiële vaste activa | 30 |
| Recht-op-gebruik activa | 25 |
| Voorraden | 38 |
| Handelsvorderingen | 15 |
| Contractuele activa verbonden aan contracten met klanten | 3 |
| Handelsschulden | (20) |
| Contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten | (15) |
| Overige belastingvorderingen | 20 |
| Overige kortlopende activa | 30 |
| Overige vorderingen | 30 |
| Overige belastingverplichtingen | (20) |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 30 |
| Verplichtingen uit leaseovereenkomsten | (25) |
| Voorzieningen | (30) |
| Totaal geidentificeerde netto overgenomen activa | 198 |
| Op de overname erkende goodwill | 170 |
| Nog te ontvangen deel van de overnameprijs | 70 |
| Betaalde overnameprijs | (438) |
| Overgenomen geldmiddelen | 30 |
| Netto uitgaande kasstromen voor acquisities | (408) |
Gedurende 2021 heeft de Groep geen overnames gedaan.
Op 7 april 2022 werd het partnership tussen Atos en Agfa tot uitvoering gebracht, waarbij Atos Agfa zal begeleiden bij zijn digitale transformatie. Dit partnership werd reeds in Q4 2021 aangekondigd. Atos zal een groot deel van Agfa’s interne IT-diensten leveren en beheren en het zal de digitale reis van de onderneming ondersteunen. Als wereldwijde leider in beeldvormingstechnologie en IT is Agfa bezig met een ambitieus IT-transformatieprogramma, waarbij het streeft naar een eenvoudige, wendbare en toekomstgerichte digitale organisatie. Door deze strategische stap zal Agfa kunnen genieten van Atos’ door de jaren heen opgebouwde expertise om een innovatief en modern IT-landschap te implementeren, terwijl het zijn IT-kosten kan optimaliseren in alle landen waar het actief is. Atos zal hoogstaande oplossingen implementeren, waaronder mainframediensten, hosting, werkplekbeheer, cloudoplossingen en netwerkoplossingen. De oplossingen van Atos zullen ook een aantal belangrijke applicatiegerelateerde diensten en transformatieprojecten omvatten die gericht zijn op de vereenvoudiging, standaardisering en modernisering van het IT-landschap van Agfa, waaronder de harmonisering van Agfa’s ERP-, CRM-, HR- en digitale werkplekoplossingen. Door de IT-ervaring voor de meer dan 7.000 werknemers van Agfa te personaliseren en aanzienlijk te verbeteren, zal Atos hen laten genieten van het hoogste niveau van werknemerservaring in de sector en hen helpen om verder te innoveren voor hun klanten.
Het partnership heeft het volgende effect gehad op de balans van de Groep:
| Effect van de afstoting op de balans van de Groep | MILJOEN EURO |
|---|---|
| Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding | 15 |
| Voorziening | 3 |
| Kortlopende verplichtingen | 10 |
| Totaal afgestoten verplichtingen | 28 |
| Overnameprijs | (28) |
| Betaalde prijs voor de verkoop van afgestoten activiteiten | (28) |
De herstructureringsprovisie met betrekking tot deze afgestoten activiteiten bedraagt 14 miljoen Euro en werd reeds in Q4 van 2021 aangelegd. In de loop van 2022 werd een terugname van 3 miljoen euro geboekt op deze herstructureringsprovisie ten gevolge van nieuwe feiten en beoordelingen (zie toelichting 9). De afstoting heeft geen ander effect gehad op de geconsolideerde staten van de Groep.
Gedurende 2021 zijn er geen afstotingen geweest.
Bij de uitoefening van haar bedrijfsactiviteit wordt de Groep blootgesteld aan een aantal financiële risico’s – zoals het valutarisico, het renterisico, het risico verbonden aan de prijsschommelingen van de grondstoffen, het liquiditeitsrisico en het kredietrisico – die de financiële positie en het bedrijfsresultaat kunnen beïnvloeden. De doelstellingen, grondslagen en procedures van de Groep voor wat betreft het beheer van deze risico’s worden beschreven in deze toelichting. Voor het beheer van de financiële risico’s kan de Groep gebruik maken van afgeleide financiële instrumenten. Het gebruik van deze instrumenten is onderworpen aan interne controles en uniforme regelgeving opgesteld door het centraal ‘Treasury Committee’ van de Groep. Gebruikte derivaten zijn ‘over-the-counter’ financiële instrumenten, voornamelijk termijnwisselverrichtingen.
Het valutarisico is het risico dat de reële waarde of toekomstige kasstromen van een financieel instrument zullen schommelen als gevolg van wisselkoersveranderingen. In het beheer van valutarisico’s wordt een onderscheid gemaakt tussen drie types van valutarisico’s: het valutatransactierisico, het valutatranslatierisico en het economische risico verbonden aan transacties in vreemde munten. De Groep is blootgesteld aan een valutatransactierisico op handelsvorderingen, handelsschulden en andere monetaire posten uitgedrukt in een andere munt dan de functionele munt van de Onderneming. Het valutatransactierisico ontstaat eveneens uit de variabiliteit van de kasstromen uit verwachte toekomstige transacties. De resultaten en financiële positie van groepsondernemingen die een functionele valuta hebben die verschillend is van de euro, zijn onderhevig aan een valutatranslatierisico. Het economische valutarisico is het risico dat de toekomstige kasstromen en resultaten van de buitenlandse activiteiten kunnen schommelen. Het economische valutarisico is in zeer hoge mate afhankelijk van andere factoren zoals de concurrentiepositie van de buitenlandse activiteit binnen een bedrijfstak, de relatie met klanten en leveranciers. In het beheer van de valutarisico’s richt het centrale thesauriedepartement zich voornamelijk op het valutatransactierisico en het valutatranslatierisico, daar waar het bedrijfsmanagement zich voornamelijk richt op het beheer van het economisch valutarisico door middel van natuurlijke dekkingen. Elk van hogervernoemde valutarisico’s beïnvloedt de jaarrekening op een verschillende manier.
De volgende wisselkoersen werden toegepast:
| Gemiddelde koers 2022 | Gemiddelde koers 2021 | Slotkoers per einde boekjaar 2022 | Slotkoers per einde boekjaar 2021 | |
|---|---|---|---|---|
| EUR/USD | 1.0737 | 1.1850 | 1.0718 | 1.1370 |
| EUR/GBP | 0.8709 | 0.8778 | 0.8797 | 0.8848 |
| EUR/RMB | 7.3295 | 7.3438 | 7.3766 | 7.2632 |
| EUR/CAD | 1.4422 | 1.4711 | 1.4482 | 1.4440 |
| EUR/AUD | 1.5789 | 1.5907 | 1.5818 | 1.5830 |
| EUR/INR | 87.8966 | 89.9461 | 88.1310 | 88.9000 |
| EUR/HKD | 8.4088 | 8.6951 | 8.6439 | 8.7369 |
Het centrale thesauriedepartement controleert en beheert de valutarisico’s vanuit de impact die ze hebben op zowel de balans als de winst- en verliesrekening.
De munten die aanleiding geven tot een valutatransactierisico zijn als volgt:
| MILJOEN VREEMDE MUNTEENHEID | Nettopositie van vorderingen en schulden | Indekkingsinstrumenten | Nettopositie | Geldmiddelen, kasequivalenten, leningen en deposito’s | Derivaten |
|---|---|---|---|---|---|
| 31 december 2022 | |||||
| US dollar | 66.4 | 4.3 | (62.1) | 1.6 | |
| Chinese renminbi | 138.5 | (117.6) | - | 5.8 | |
| Pond sterling | 7.6 | (7.7) | - | 2.1 | |
| Canadese dollar | (1.7) | 2.5 | - | (1.1) | |
| Australische dollar | 7.3 | (5.1) | - | 2.1 | |
| Indiase roepie | 170.7 | - | (270.4) | (170.3) | |
| Hong Kong dollar | 5.3 | (1.8) | - | 2.1 | |
| 31 december 2021 | |||||
| US dollar | 16.7 | 17.7 | (62.1) | 7.7 | |
| Chinese renminbi | 186.4 | (192.1) | - | 14.5 | |
| Pond sterling | 8.5 | (10.3) | - | (2.5) | |
| Canadese dollar | (5.3) | 1.5 | - | (1.3) | |
| Australische dollar | 1.7 | (3.6) | - | 2.3 | |
| Indiase roepie | 741.8 | - | (770) | (116.8) | |
| Hong Kong dollar | 7.3 | (7.3) | - | - |
De Groep beschouwt geldmiddelen, kasequivalenten, deposito’s en leningen aangehouden in vreemde munteenheden als natuurlijke indekkingen van het vreemde valutarisico met betrekking tot de nettopositie van vorderingen en schulden in die desbetreffende munt. In het beheer van de impact van het valutatransactierisico op de balans, tracht de Groep om zowel de gerealiseerde als de niet-gerealiseerde wisselkoersresultaten, die ontstaan uit de omrekening van balansposten, uitgedrukt in een munt verschillend van de functionele munt van de Onderneming, tot een minimum te herleiden. Om het uitstaande risico te beperken tot vooropgestelde aangepaste risicolimieten, gebruikt het centrale thesauriedepartement derivaten zoals termijnwisselverrichtingen, ter indekking van het wisselkoersrisico verbonden aan in de balans opgenomen monetaire activa en verplichtingen. De uitstaande derivaten op 31 december 2022 zijn termijnwisselverrichtingen met looptijden van over het algemeen minder dan één jaar. Wanneer derivaten gebruikt worden ter indekking van het wisselkoersrisico verbonden aan in de balans opgenomen monetaire activa en verplichtingen, wordt er geen ‘hedge accounting’ toegepast.21.1.2 Valutatranslatierisico – impact op de balans
Valutakoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van de resultaten en financiële positie van groepsondernemingen die een functionele munt hebben die verschillend is van de presentatiemunt van de Groep, worden in de niet-gerealiseerde resultaten getoond onder valutakoersverschillen, tenzij er een afdekkingmechanisme bestaat. Alle groepsondernemingen en geassocieerde deelnemingen hebben als functionele munt de munt van het land waarin ze operationeel zijn. Munten die aanleiding geven tot het valutatranslatierisico op de balans betreffen voornamelijk de US dollar, de Chinese renminbi, de Braziliaanse real, de Mexicaanse peso, de Australische dollar en het Britse pond.
| MILJOEN VREEMDE MUNTEENHEID | 31 december 2022 | 31 december 2021 |
|---|---|---|
| US dollar | 153 | 116 |
| Chinese renminbi | 275 | 298 |
| Braziliaanse real | 37 | 43 |
| Australische dollar | 60 | 51 |
| Mexicaanse peso | 162 | 113 |
| Pond sterling | (77) | 16 |
Het centrale thesauriedepartement volgt het translatierisico op kwartaalbasis op en stelt corrigerende acties voor aan het Executive Management indien nodig.
21.1.3 Valutarisico – impact op de winst- en verliesrekening
Het valutarisico dat de winst- en verliesrekening beïnvloedt, omvat het valutarisico dat ontstaat uit de variabiliteit van de kasstromen uit verwachte toekomstige transacties uitgedrukt in vreemde valuta alsook het risico verbonden aan schommelingen van de resultaten van de buitenlandse activiteiten bij de omrekening naar de presentatiemunt (euro). Het centrale thesauriedepartement beheert beide risico’s samen. De munten die het valutarisico op de winst- en verliesrekening beïnvloeden, betreffen voornamelijk de US dollar, de Chinese renminbi, de Canadese dollar, het pond sterling, de Australische dollar, de Koreaanse won, de Indiase roepie, de Japanse yen en de Zwitserse frank. Aan de hand van aanbevelingen van het centrale ‘Treasury Committee’ beslist het Executive Management over de te volgen indekkingspolitiek rekening houdend met de bestaande marktsituatie. De groepsobjectieven inzake beheer van de impact van het valutarisico op de winst- en verliesrekening dienen om de voorspelbaarheid van de financiële resultaten te verhogen en tevens de Groep toe te laten in te spelen op de snel veranderende economische omgeving. Dit gebeurt door middel van prijs- aanpassingen en bijsturingen van de productie. De Groep gebruikt termijnwisselverrichtingen om het valutarisico met betrekking tot toekomstige transacties af te dekken. Deze termijnwisselverrichtingen worden aangeduid als kasstroomafdekkingen. De Groep duidt enkel de contante prijs van het termijncontract aan als afdekkingsinstrument van het valutarisico en past een afdekkingsratio van 1:1 toe. Het rentedeel van het termijncontract wordt uitgesloten in de afdekkingsrelatie en wordt apart geboekt in het financieel resultaat. Het is de strategie van de Groep om steeds de kritische voorwaarden van het afdekkingsinstrument af te stemmen met het afgedekte risico. Het bestaan van de economische relatie tussen het afdekkingsinstrument en het afgedekte risico wordt aangetoond aan de hand van de munteenheid, bedrag en timing van de respectieve kasstromen. De Groep beoordeelt steeds of het aangeduide afdekkingsinstrument verwacht wordt om effectief te zijn en inderdaad effectief geweest is om de veranderingen in kasstromen van afdekkingsinstrument en afgedekte risico te compenseren. Hiervoor wordt de ‘hypothetical derivative’-methode gebruikt. Er wordt zeer weinig ineffectiviteit verwacht uit de kasstroomafdekkingen. In deze relaties kan ineffectiviteit veroorzaakt worden door kredietwaardigheid van de tegenpartij en dat van de Groep, risico’s die niet vervat zitten in de reële waarde van de termijnwisselverrichtingen. Ineffectiviteit kan eveneens veroorzaakt worden door veranderingen in de timing van de afdekkingstransacties. In de loop van 2022 duidde de Groep termijnwisselcontracten aan als kasstroomafdekkingen van het vreemde valutarisico in US dollar waaraan de Groep is blootgesteld op haar zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen over de volgende 12 maanden. Het effectieve deel van de winsten op de termijnwisselcontracten werd geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten (31 december 2022: -2 miljoen euro na winstbelastingen; 31 december 2021: -2 miljoen euro na winstbelastingen). In de loop van 2022 werden verliezen ten belope van 5 miljoen euro opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten. Verliezen ten belope van 5 miljoen euro werden geboekt in mindering van opbrengsten. In de loop van 2021 werden verliezen ten belope van 3 miljoen euro opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten. Winsten ten belope van 1 miljoen euro werden geherklasseerd vanuit de niet-gerealiseerde resultaten naar opbrengsten. Belastingen ten belope van 1 miljoen euro werden geboekt in mindering van de niet-gerealiseerde resultaten.
| MILJOEN EURO | 2022 | 2021 |
|---|---|---|
| Gedurende de periode | ||
| Boekwaarde | ||
| Nominaal bedrag | 23 | 28 |
| Activa | - | - |
| Passiva | (2,4) | (2,4) |
| Positie in de balans waar het afdekkingsinstrument geboekt is | ||
| Reële waardeveranderingen van afdekkingsinstrumenten erkend in de niet-gerealiseerde resultaten | - | - |
| Ineffectiviteit van de afdekkingsrelatie erkend in de winst- en verliesrekening | - | - |
| Positie in de winst- en verliesrekening waar de ineffectiviteit van de kasstroom afdekkingen gerapporteerd wordt | ||
| Bedragen geherklasseerd vanuit de afdekkingsreserve naar de winst- en verliesrekening | - | - |
| Bedragen geherklasseerd vanuit de afdekkingsreserve naar de initiële kostprijs van voorraad | - | - |
| Positie in de winst- en verliesrekening die geaffecteerd is door de herklassering | ||
| Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen | 23 | 28 |
| Derivaten | - | - |
| Overige financiële kosten | (2) | (2) |
| Opbrengsten | - | - |
| MILJOEN EURO | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Gedurende de periode | ||
| Boekwaarde | ||
| Nominaal bedrag | 28 | 27 |
| Activa | - | - |
| Passiva | (2,4) | (2,4) |
| Positie in de balans waar het afdekkingsinstrument geboekt is | ||
| Reële waardeveranderingen van afdekkingsinstrumenten erkend in de niet-gerealiseerde resultaten | - | - |
| Ineffectiviteit van de afdekkingsrelatie erkend in de winst- en verliesrekening | - | - |
| Positie in de winst- en verliesrekening waar de ineffectiviteit van de kasstroom afdekkingen gerapporteerd wordt | ||
| Bedragen geherklasseerd vanuit de afdekkingsreserve naar de winst- en verliesrekening | - | - |
| Bedragen geherklasseerd vanuit de afdekkingsreserve naar de initiële kostprijs van voorraad | - | - |
| Positie in de winst- en verliesrekening die geaffecteerd is door de herklassering | ||
| Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen | 28 | 27 |
| Derivaten | - | - |
| Overige financiële kosten | (2) | (2) |
| Opbrengsten | - | - |
Kasstroomafdekkingen die het valutarisico indekken hebben de volgende looptijden:
| 2022 | Looptijd | Tussen 6 en 12 maanden | Tussen 1 en 5 jaar | Meer dan 5 jaar |
|---|---|---|---|---|
| Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen | Nominaal bedrag netto in miljoenen vreemde munteenheid | US dollar | 17 | - |
| Gemiddelde termijnkoers EUR: USD | 1,0775 | - | - |
| 2021 | Looptijd | Tussen 6 en 24 maanden | Tussen 2 en 5 jaar | Meer dan 3 jaar |
|---|---|---|---|---|
| Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen | Nominaal bedrag netto in miljoenen vreemde munteenheid | US dollar | 28 | - |
| Gemiddelde termijnkoers EUR: USD | 1,16525 | - | - |
21.1.4 Gevoeligheidsanalyse valutarisico
Een versterking of verzwakking van de euro met 10% ten opzichte van de munten vermeld in onderstaande tabel zou onderstaand positief of negatief effect gehad hebben op de winst- en verliesrekening, gegeven dat alle andere risicovariabelen constant gehouden worden. De gevoeligheidsanalyse werd uitgevoerd op de gebudgetteerde nettorisicopositie ingeschat voor het jaar 2022, rekening gehouden met de impact van derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen.
| MILJOEN EURO | Winst- en verliesrekening | 2022 | 2021 |
|---|---|---|---|
| Versterking van de euro met 10% | Verzwakking van de euro met 10% | Versterking van de euro met 10% | |
| US dollar | 1,5 | (1,5) | 0,8 |
| Chinese renminbi | (0,7) | 0,7 | (0,1) |
| Canadese dollar | 0,2 | (0,2) | (0,1) |
| Pond sterling | (0,5) | 0,5 | (0,4) |
| Australische dollar | (0,7) | 0,7 | (0,8) |
| Indiase roepie | (0,5) | 0,5 | (0,5) |
| Koreaanse won | (0,8) | 0,8 | (0,1) |
| Zwitserse frank | (0,1) | 0,1 | (0,1) |
| Japanse yen | (0,2) | 0,2 | (0,6) |
Met betrekking tot kasstroomafdekkingen zou een versterking/verzwakking met 10% van de euro ten opzichte van de US dollar een impact hebben van + 1,5 miljoen/-1,5 miljoen euro in de niet-gerealiseerde resultaten. Deze analyse veronderstelt dat alle overige variabelen, meer bepaald de intrestvoeten constant gehouden worden en houdt geen rekening met de impact van de toekomstige verkopen.
21.2 Renterisico
Het renterisico is het risico dat de reële waarde of toekomstige kasstromen van een financieel instrument zullen schommelen als gevolg van veranderingen in de marktrente. De Groep is blootgesteld aan het renterisico verbonden aan haar netto rentedragende schuldpositie inclusief valutaswaps en hun rentecomponent die leningen en deposito’s tussen ondernemingen van de Groep economisch afdekken.# TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
Een verandering van 100 basispunten ten opzichte van de interestvoeten geldend op 31 december 2022 zou onderstaande stijging (of daling) teweeg hebben gebracht in de resultaten zoals opgenomen in de winst- en verliesrekening. In deze gevoeligheidsanalyse zijn alle andere risicovariabelen, zoals wisselkoersen, constant gehouden. De gevoeligheidsanalyse werd voor 2021 op dezelfde basis uitgevoerd.
| Winst- en verliesrekening | Stijging met 100 basispunten | Daling met 100 basispunten |
|---|---|---|
| 31 december 2017 | Netto-impact 2,20 (2,20) | |
| 31 december 2018 | Netto-impact 2,74 (2,74) |
Het grondstoffenrisico voor de Groep is geconcentreerd rond de grondstoffen zilver en aluminium. Het grondstoffenrisico voor de Groep, zijnde het risico dat de toekomstige kasstromen en resultaten schommelen als gevolg van veranderende materiaalprijzen, hangt nauw samen met andere factoren zoals de concurrentiepositie van de Groep en relaties met klanten en leveranciers. Om het risico op mogelijke prijsstijgingen en prijsschommelingen van de grondstoffen te beperken, pastte de Groep in voorgaande jaren een strategie toe waarbij de grondstof aluminium werd aangekocht aan contantkoersen gecombineerd met een systeem van ‘Rolling layered forward buying’. Het bedrag van ‘forward buying’ werd bepaald op basis van het volume aan aluminium in contracten zonder aluminiumprijsclausules. In 2022 bevatten bijna alle contracten clausules voor prijsaanpassingen van aluminium op kwartaalbasis. Hierdoor wordt de noodzaak aan ‘forward buying’ sterk verminderd. De gevolgde methodiek uit het verleden wordt bijgevolg niet meer toegepast. Vanaf 2022 worden er geen ‘metal swap’-overeenkomsten meer afgesloten met de banken. Per 31 december 2022 en 2021 zijn er geen uitstaande ‘metal swap’-overeenkomsten. In de loop van 2021 werden winsten ten belope van 7 miljoen euro rechtstreeks opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten. Een bedrag van 13 miljoen euro werd geherklasseerd uit de niet-gerealiseerde resultaten en geboekt in mindering van de initiële boekwaarde van de voorraad. Winstbelastingen ten belope van 1 miljoen euro werden geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten. Een reconciliatie in tabelformaat van de evolutie van de afdekkingsreserve wordt toegevoegd in toelichting 21.4 ‘Samenvattende tabel van de afdekkingsreserve’.
In de volgende tabel worden de effecten weergegeven die de kasstroomafdekkingen ter indekking van het risico verbonden aan grondstoffenprijsschommelingen gehad hebben op de financiële staten:
AgfA-gevAert – jAArverslAg 2022
MILJOEN EURO
| 2017 | Gedurende de periode - 2017 | Boekwaarde Positie in de balans waar het afdekkingsinstrument geboekt is | Reële waardeveranderingen van afdekkingsinstrumenten erkend in de niet-gerealiseerde resultaten | Positie in de winst- en verlies rekening waar de ineffectiviteit van de kasstroomafdekkingen gerapporteerd wordt | Positie in de winst- en verlies rekening waar de ineffectiviteit van de kasstroomafdekkingen gerapporteerd wordt | Bedragen geherklasseerd vanuit de afdekkingsreserve naar de winst- en verliesrekening | Bedragen geherklasseerd vanuit de afdekkingsreserve naar de initiële kostprijs van voorraad | Positie in de winst- en verlies rekening die geaffecteerd is door de herklassering | Activa | Passiva | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Swap-overeenkomsten aangeduid als kasstroomafdekkingen | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
MILJOEN EURO
| 2018 | Gedurende de periode - 2018 | Boekwaarde Positie in de balans waar het afdekkingsinstrument geboekt is | Reële waardeveranderingen van afdekkingsinstrumenten erkend in de niet-gerealiseerde resultaten | Positie in de winst- en verlies rekening waar de ineffectiviteit van de kasstroomafdekkingen gerapporteerd wordt | Positie in de winst- en verlies rekening waar de ineffectiviteit van de kasstroomafdekkingen gerapporteerd wordt | Bedragen geherklasseerd vanuit de afdekkingsreserve naar de winst- en verliesrekening | Bedragen geherklasseerd vanuit de afdekkingsreserve naar de initiële kostprijs van voorraad | Positie in de winst- en verlies rekening die geaffecteerd is door de herklassering | Activa | Passiva | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Swap-overeenkomsten aangeduid als kasstroomafdekkingen | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Derivaten | 5 | - | - | - | (26) | - |
Voor 2022 is de Groep blootgesteld aan een prijsschommelingsrisico voor zilver voor een tonnage van om en bij de 82 ton (2021: 89 ton). Voor iedere verandering van de US dollar/Troy van de zilverprijs wordt de impact op de geconsolideerde winst- en verliesrekening van de Groep ingeschat op 2,6 miljoen US dollar (2021: 2,8 miljoen US dollar). Deze analyse werd uitgevoerd op het actuele volume waaraan de Groep is blootgesteld voor 2022. Voormelde blootstelling van de Groep houdt geen rekening met het feit of een deel van de schommelingen van de zilverprijs al dan niet gedeeltelijk zal kunnen doorgerekend worden aan de klanten met contracten zonder zilverclausules.
Voor 2022 is de Groep blootgesteld aan een prijsschommelingsrisico van aluminium voor een tonnage van om en bij de 77 kiloton (2021: 72 kiloton). Voor iedere verandering van de Europese aluminiumprijs (LME) met 100 USD/ton, wordt de impact op de uitgaven van de Groep ingeschat op 3,4 miljoen euro op jaarbasis (2021: 3 miljoen euro). Voor iedere verandering van de Chinese aluminiumprijs (SHME & CNAL) met 500 CNY/ton wordt de impact op de uitgaven van de Groep ingeschat op 2,1 miljoen euro op jaarbasis (2021: 1,8 miljoen euro). Beide analyses zijn uitgevoerd op het gebudgetteerde volume waaraan de Groep is blootgesteld voor het jaar 2022 omgerekend aan een gebudgetteerde wisselkoers van de USD en de CNY naar de euro. Voormelde blootstelling van de Groep houdt geen rekening met het feit of een deel van de schommelingen van de aluminiumprijs al dan niet zal kunnen doorgerekend worden aan de klant en houdt ook geen rekening met kasstroomafdekkingen die zijn afgesloten.
Tegen jaareinde 2021 heeft het business segment Offset Solutions het merendeel van haar contracten voor drukplaten aangepast met clausules voor prijsaanpassingen op kwartaalbasis, zodat de blootstelling aan schommelingen van de prijs van aluminium drastisch verlaagd werd.
TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
De volgende tabel geeft een samenvatting van het geboekte effect in de afdekkingsreserve per type van risico:
| TOTAAL | Valutarisico | Risico’s verbonden aan schommelingen in de prijzen van grondstoffen | |
|---|---|---|---|
| Niet-gerealiseerde resultaten per 1 januari 2017 | 1 | 5 | 6 |
| Effectief deel van veranderingen in de reële waarde van kasstroomafdekkingen geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten | (2) | 5 | 6 |
| Netto verandering in de reële waarde van kasstroomafdekkingen die is overgeboekt naar opbrengsten | (3) | - | (3) |
| Verandering in de reële waarde die is overgeboekt naar de initiële boekwaarde van de voorraad | - | (26) | (26) |
| Winstbelastingen | 1 | 1 | 2 |
| Niet-gerealiseerde resultaten per 31 december 2017 | (1) | - | (1) |
| Niet-gerealiseerde resultaten per 1 januari 2018 | (1) | - | (1) |
| Effectief deel van veranderingen in de reële waarde van kasstroomafdekkingen geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten | (4) | - | (4) |
| Netto verandering in de reële waarde van kasstroomafdekkingen die is overgeboekt naar opbrengsten | 4 | - | 4 |
| Verandering in de reële waarde die is overgeboekt naar de initiële boekwaarde van de voorraad | - | - | - |
| Winstbelastingen | - | - | - |
| Niet-gerealiseerde resultaten per 31 december 2018 | (1) | - | (1) |
In de afdekkingsreserve zitten geen posities vervat met betrekking tot afdekkingsrelaties waarvoor kasstroomafdekkingen niet meer wordt toegepast.
Het kredietrisico is het risico dat de tegenpartij bij een financieel instrument haar verplichtingen niet kan nakomen waardoor de Groep een financieel verlies te verwerken krijgt. De Groep beheert haar kredietrisico enerzijds door het opleggen van vooraf afgesproken kredietlimieten per tegenpartij en anderzijds door middel van diversificatie in contracterende partijen. Het kredietrisico van de Groep komt voornamelijk voort uit handelsvorderingen, investeringen en termijnwisselverrichtingen. De blootstelling aan het kredietrisico uit handelsvorderingen wordt continu opgevolgd door het ‘Credit Committee’. Voor elke klant worden er, gebaseerd op zijn/haar kredietwaardigheid en specifieke karakteristieken, kredietlimieten bepaald die op periodieke basis herzien worden door het ‘Credit Committee’. Voor de opvolging van het kredietrisico worden klanten gegroepeerd in risicocategorieën, op basis van welbepaalde financiële karakteristieken. Het beleid van de Groep voor wat betreft het beheersen van het kredietrisico bepaalt tevens om een deel van de klantenportefeuille te verzekeren via krediet-verzekering om het risico op wanbetaling te beperken. Goederen worden verkocht met behoud van eigendomstitel tot moment van betaling, zodat de Groep in geval van wan-betaling een rechtmatige eis kan stellen op de verkochte goederen.# 22. Risicobeheer
De Groep eist onder normale omstandigheden geen waarborgen met betrekking tot handels- en diverse vorderingen. Transacties voor het afsluiten van afgeleide nanciële instrumenten en deposito’s met nanciële instellingen dienen steeds binnen vooraf bepaalde limieten te blijven. Deze limieten worden bepaald per nanciële instelling op basis van de Standard & Poor’s-rating van de nanciële instelling. Om de concentratie van risico’s verbonden aan een tegenpartij te be- perken, worden afgeleide nanciële instrumenten afgesloten met diverse nanciële instellingen. Investeringen zijn enkel toegelaten in activa die vrij verhandelbaar zijn.
Aangezien de Groep over een brede klantenportefeuille beschikt, zijn er geen signi
MILJOEN EURO
| Toelichting | | |
| :------------------------------------------------------------------------------ | :------ | :------ |
| Financiële activa gewaardeerd aan reële waarde met waardeveranderingen in de niet-gerealiseerde resultaten | | |
| Aandelen | . | |
| Financiële activa aan reële waarde met waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening | | |
| Derivaten die geen deel uitmaken van een afdekkingsrelatie - activa | | |
| Financiële activa aan geamortiseerde kostprijs en contractuale activa verbonden aan contracten met klanten | | |
| Handelsvorderingen | . | |
| Contractuele activa verbonden aan contracten met klanten | . | |
| Vorderingen uit leaseovereenkomsten | | |
| Overige vorderingen | | |
| Overige investeringen en leningen aan geamortiseerde kostprijs | , | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | | |
| TOTAAL | | |
Het kredietrisico met betrekking tot handelsvorderingen, contractuele activa verbonden aan contracten met klanten en leasevorderingen per geograsche regio (facturerende entiteit) was als volgt op 31 december 2022 en op 31 december 2021:
MILJOEN EURO
| | | |
| :--- | :--- | :--- |
| | Handels- vorderingen | Contractuele activa verbonden aan contracten met klanten | Vorderingen uit leaseovereen- komsten | Handels- vorderingen | Contractuele activa verbonden aan contracten met klanten | Vorderingen uit leaseovereen- komsten |
| Europa | | | | | | |
| NAFTA | | | | | | |
| Latijns-Amerika | | | - | | | - |
| Azië/Oceanië/Afrika | | | - | | | - |
| TOTAAL | | | | | | |
Voor de beoordeling van waardeverminderingsverliezen op handelsvorderingen, leasevorderingen en contractuele activa verbonden aan contracten met klanten past de Groep de vereenvoudigde methode toe wat inhoudt dat verwachte verliezen voor deze categorieën van activa steeds berekend worden ten belope van de verwachte verliezen over de gehele looptijd van de activa. Waardeverminderingsverliezen worden berekend als de reële waarde van de kastekorten, zijnde het verschil tussen de verwachte kasstromen en de eectief ontvangen kasstromen. De gebruikte input en veronderstellingen in dit verwachte verliesmodel zijn de volgende: ernstige nanciële moeilijkhe- den waarin een tegenpartij zich zou bevinden, achterstallen van meer dan 90 dagen na vervaldatum van de factuur, een mogelijks faillissement van de tegenpartij, … De evaluatie voor het boeken van een mogelijks bijzonder waardeverminderingsverlies houdt rekening met toekomstge- richte elementen en wordt er niet gewacht totdat er zich een verliessituatie voordoet. Alle debiteuren worden gegroepeerd in risicocategorieën gebaseerd op kwantitatieve en kwalitatieve kenmerken. Deze indeling in risicocategorieën wordt ieder jaar beoordeeld, rekening houdend met relevante toekomstgerichte informatie zoals informatie van externe kredietbeoor- delingsbureaus, ouderdomsanalyse van de business, landenrisico en de individuele beoordeling van de kredietmanager. De Groep tracht het kredietrisico te beperken door gebruik te maken van kredietverzekering en andere kredietverzachtende hulpmiddelen zoals wissels, bankgaranties, hypotheek. De methodologie, gehanteerd door de Groep voor de evaluatie van bijzondere waardeverminderingsverliezen, is dus gebaseerd op individueel nazicht van de grootste uitstaande vorderingen rekening houdend met toekomstgerichte informatie. De ouderdomsanalyse van handelsvorderingen en invorderbare minimale leasebetalingen op de rapporteringdatum is de volgende:
MILJOEN EURO
| | | |
| :---------------------------------------------------- | :--------------------------------------------- | :--------------------------------------------- |
| | Bruto- waarde | Waardevermin- deringsverliezen | Netto | Bruto- waarde | Waardevermin- deringsverliezen | Netto |
| Handelsvorderingen | | | | | | |
| Niet vervallen | | () | | | () | |
| Tussen en dagen na vervaldatum | | - | | | () | |
| Tussen en dagen na vervaldatum | | - | | | () | |
| Tussen en dagen na vervaldatum | | - | | | () | |
| Tussen en dagen na vervaldatum | | () | - | | () | |
| Meer dan dagen na vervaldatum | | () | | | () | |
| TOTAAL HANDELSVORDERINGEN | | () | | | () | |
| Vorderingen uit leaseovereenkomsten | | | | | | |
| Niet vervallen | | - | | | - | |
| Tussen en dagen na vervaldatum | | - | | | - | |
| Tussen en dagen na vervaldatum | - | - | - | | - | |
| Tussen en dagen na vervaldatum | - | - | - | - | - | - |
| Tussen en dagen na vervaldatum | - | - | - | - | - | - |
| Meer dan dagen na vervaldatum | | () | - | | () | - |
| TOTAAL INVORDERBARE MINIMALE LEASEBETALINGEN | | () | | | () | |
Vervallen bedragen meer dan 360 dagen na vervaldag hebben betrekking op België en vinden hun oorsprong in commer- ciële betwistingen. Vervallen bedragen zijn voor het overgrote deel afgeschreven. Achterstallen worden per regio van zeer nabij opgevolgd door de kredietcomités binnen de Groep.
De volgende tabel geeft informatie met betrekking tot het kredietrisico van handelsvorderingen op 31 december 2022:
MILJOEN EURO
| | Gewogen gemiddeld afwaarderingspercentage | Brutowaarde | Waardeverminderingsverlies |
| :------------------------------------------ | :---------------------------------------- | :---------- | :------------------------- |
| Niet vervallen | ,% | | () |
| Tussen en dagen na vervaldatum | ,% | | () |
| Tussen en dagen na vervaldatum | ,% | | () |
| Tussen en dagen na vervaldatum | ,% | | () |
| Meer dan dagen na vervaldatum | ,% | | () |
De beweging in de waardeverminderingsverliezen met betrekking tot handelsvorderingen, vorderingen uit leaseovereen- komsten en contractuele activa verbonden aan contracten wordt getoond in de volgende tabel. Het bedrag van het waarde- verminderingsverlies wordt steeds bepaald rekening houdend met verwachte verliezen over de gehele looptijd van de activa.
MILJOEN EURO
| | | |
| :--- | :--- | :--- |
| | Waardeverminderings- verliezen op handelsvorderingen en vorderingen uit lease- overeenkomsten | Waardeverminderings- verliezen op contractuele activa verbonden aan contracten met klanten | Waardeverminderings- verliezen op handelsvorderingen en vorderingen uit lease- overeenkomsten | Waardeverminderings- verliezen op contractuele activa verbonden aan contracten met klanten |
| Boekwaarde per januari | | | - | |
| Toevoegingen/terugnemingen geboekt in de winst- en verliesrekening | | - | | - |
| Afboeking van de voorziening voor waardeverminderingsverliezen | () | - | - | () |
| Afstotingen | - | - | - | - |
| Valutakoersverschillen | - | - | - | - |
| Boekwaarde per december | - | | | (1) |
(1) Afboekingen waarvoor reeds een afwaardering was geboekt. De boekwaarde van een nancieel actief wordt afgeboekt wanneer de Groep inschat dat op basis van redelijke verwachtin- gen het openstaand bedrag niet zal kunnen geïnd worden, in zijn geheel of een gedeelte ervan. De Groep maakt een indivi- duele inschatting per type van nancieel actief of er een redelijke kans is op inning van de vordering. Financiële activa die afgeboekt zijn, maken nog steeds deel uit van de acties die ondernomen worden ter inning van openstaande vorderingen. Geboekte waardeverminderingsverliezen hebben betrekking op verschillende klanten die aangegeven hebben hun open- staande rekeningen niet te kunnen betalen omwille van economische omstandigheden. De kasmiddelen van de Groep worden aangehouden bij banken met een A-kredietwaardigheid.
Het liquiditeitsrisico is het risico dat de Groep zijn verplichtingen in verband met nanciële schulden op vervaldag niet kan nakomen. De Groep verzekert zich ervan over voldoende liquiditeiten te beschikken om zijn verplichtingen af te lossen. Het liquidi- teitsrisico wordt beheerd door het handhaven van voldoende diversicatie in fondsen. De Groep heeft een beleid geïmple- menteerd om concentraties van het liquiditeitsrisico te beperken. De totaliteit van de opgenomen en niet-opgenomen schuld onder gecommitteerde kredietfaciliteiten bij één bank of bankengroep mag vooraf bepaalde limieten niet overschrijden. Risi- coconcentraties worden op regelmatige basis opgevolgd door het ‘Treasury Committee.’ In het beheer van het liquiditeitsrisico heeft de Groep een gecommitteerde kredietfaciliteit ter beschikking. Het nominaal bedrag van deze faciliteit bedraagt 230 miljoen euro met eindvervaldag in maart 2024 en is twee keer verlengbaar met telkens één jaar. In de loop van 2022 werd deze faciliteit verlengd met één jaar met eindvervaldag in maart 2025. Geldopnames onder deze kredietlijnen worden gedaan voor korte periodes maar de banken hebben zich onder de bestaande hernancieringsovereenkomst geëngageerd om het nominaal bedrag van deze faciliteit beschikbaar te stellen tot eindverval- dag. In de analyse van contractuele kasstromen worden de terugbetalingen van opnames onder deze faciliteit geplaatst in de eerstvolgende tijdsband dat de entiteit kan gevraagd worden deze terug te betalen. Op 31 december 2022 zijn er geen opnames onder deze faciliteit (2021: 0 miljoen euro). De contractuele looptijdanalyse voor nanciële verplichtingen, inclusief alossing van hoofdbedrag en rentebetalingen, wordt in de tabel hieronder weergegeven.De kasstromen over de contractuele resterende looptijden worden berekend op basis van de voorwaarden aangaande wisselkoersen en interestvoeten die bestonden op de rapporteringdatum. Wat betreft derivaten omvat de looptijdanalyse de kasstromen met betrekking tot verplichtingen uit derivaten en alle ingaande en uitgaande kasstromen uit alle termijnwisselverrichtingen die op een bruto manier afgerekend worden. De contractuele kasstromen van termijnwisselverrichtingen werden berekend op basis van termijnwisselkoersen.
| MILJOEN EURO | Boekwaarde | Looptijden van contractuele kasstromen | TOTAAL | Minder dan maanden | Tussen en maanden | Tussen en jaar | Meer dan jaar |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Financiële schulden | |||||||
| Obligatielening | - | - | - | - | - | - | - |
| Revolving-kredietfaciliteit | () | () | () | - | - | - | - |
| EIB-lening | - | - | - | - | - | - | - |
| Andere rentedragende verplichtingen | | | | | - | - | - |
| Verplichtingen uit leaseovereenkomsten | | | | | | | - |
| Negatieve banksaldi | - | - | - | - | - | - | - |
| Handelsschulden | | | | - | - | - | - |
| Overige te betalen posten | | | | - | - | - | - |
| Verplichtingen uit afgeleide nanciële instrumenten | |||||||
| Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen | |||||||
| Uitgaande kasstromen | () | () | () | - | - | - | - |
| Inkomende kasstromen | - | | | - | - | - | - |
| Overige termijnwisselverrichtingen | |||||||
| Uitgaande kasstromen | () | () | () | () | - | - | - |
| Inkomende kasstromen | | | | | - | - | - |
| Swap-contracten aangeduid als kasstroomafdekkingen | |||||||
| Uitgaande kasstromen | - | - | - | - | - | - | - |
| Inkomende kasstromen | - | - | - | - | - | - | - |
(1) Transactiekosten (1 miljoen euro) worden gepresenteerd in mindering van de boekwaarde van de nanciële schuld.
| MILJOEN EURO | Boekwaarde | Looptijden van contractuele kasstromen | TOTAAL | Minder dan maanden | Tussen en maanden | Tussen en jaar | Meer dan jaar |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Financiële schulden | |||||||
| Obligatielening | - | - | - | - | - | - | - |
| Revolving-kredietfaciliteit | () | () | () | - | - | - | - |
| EIB-lening | - | - | - | - | - | - | - |
| Andere rentedragende verplichtingen | | | - | | - | - | - |
| Verplichtingen uit leaseovereenkomsten | | | | | | | - |
| Negatieve banksaldi | - | - | - | - | - | - | - |
| Handelsschulden | | | | - | - | - | - |
| Overige te betalen posten | | | | - | - | - | - |
| Verplichtingen uit afgeleide nanciële instrumenten | |||||||
| Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen | |||||||
| Uitgaande kasstromen | () | () | () | - | - | - | - |
| Inkomende kasstromen | - | | | - | - | - | - |
| Overige termijnwisselverrichtingen | |||||||
| Uitgaande kasstromen | () | () | () | () | - | - | - |
| Inkomende kasstromen | | | | | - | - | - |
(1) Transactiekosten (1 miljoen euro) worden gepresenteerd in mindering van de boekwaarde van de nanciële schuld.
De perioden waarin de kasstromen uit derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen naar verwachting zullen plaatsvinden en naar verwachting de winst- en verliesrekening zullen beïnvloeden, worden in de volgende tabel weergegeven, samen met de reële waarde van het afdekkingsinstrument.
| MILJOEN EURO | Reële waarde | Verwachte kasstromen | TOTAAL | Minder dan maanden | Tussen en maanden | Tussen en jaar | Meer dan jaar |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen | |||||||
| Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen | |||||||
| Uitgaande kasstromen | () | () | () | - | - | - | - |
| Inkomende kasstromen | - | | | - | - | - | - |
| Swap-contracten aangeduid als kasstroomafdekkingen | |||||||
| Uitgaande kasstromen | - | - | - | - | - | - | - |
| Inkomende kasstromen | - | - | - | - | - | - | - |
| MILJOEN EURO | Reële waarde | Verwachte kasstromen | TOTAAL | Minder dan maanden | Tussen en maanden | Tussen en jaar | Meer dan jaar |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Derivaten aangeduid als kasstroomafdekkingen | |||||||
| Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen | |||||||
| Uitgaande kasstromen | () | () | () | - | - | - | - |
| Inkomende kasstromen | - | | | - | - | - | - |
| Swap-contracten aangeduid als kasstroomafdekkingen | |||||||
| Uitgaande kasstromen | - | - | - | - | - | - | - |
| Inkomende kasstromen | - | - | - | - | - | - | - |
Het Executive Management houdt toezicht op de verhouding van de netto nanciële schuld ten opzichte van het eigen vermogen. Het Executive Management tracht deze verhouding op een vooropgesteld niveau aan te houden. De netto nanciële schuld is de som van kortlopende en langlopende rentedragende verplichtingen en leaseverplichtingen verminderd met de geldmiddelen en kasequivalenten. De aanpak van de Groep betreffende kapitaalbeheer is niet gewijzigd gedurende het jaar. De Groep is niet onderworpen aan wettelijk opgelegde kapitaalvereisten, met uitzondering van statutaire minimum-kapitaal-vereisten van toepassing op groepslialen in de verschillende landen.
In maart 2021 heeft de Groep een programma van terugkoop van aandelen aangekondigd voor een bedrag van 50 miljoen euro. In dit kader heeft Agfa-Gevaert NV eigen aandelen aangekocht op Euronext Brussel. De toelating om eigen aandelen in te kopen werd gegeven door de Buitengewone Algemene Aandeelhoudersvergadering van de Groep van 12 mei 2020. Agfa-Gevaert NV heeft een nanciële tussenpersoon verzocht om in zijn naam aandelen Agfa-Gevaert in te kopen voor maximaal 50.000.000 euro op basis van een discretionair mandaat dat inging op 1 april 2021 en gold tot 31 maart 2022.
De Raad van Bestuur besliste op 8 maart 2022 om het aandeleninkoopprogramma 2021 te verlengen tot en met 31 maart 2023 (het ‘Verlengde Aandeleninkoopprogramma 2021’). Sinds het begin van het aandeleninkoopprogramma tot 9 juni 2022 kocht de Agfa-Gevaert Groep, gebaseerd op de transactiedatum, 12.930.662 eigen aandelen voor een totaalbedrag van 49.999.997,30 euro, wat neerkomt op 7,71% van het totaal aantal uitstaande aandelen op 1 april 2021. Met deze aankondiging heeft Agfa-Gevaert NV haar aandeleninkoopprogramma dat op 1 april 2021 van start was gegaan, volbracht. In de eerste jaarhelft van 2022 heeft de Groep 5.618.125 eigen aandelen ingekocht ten belope van 21 miljoen euro. Deze ingekochte aandelen werden allemaal vernietigd in de eerste jaarhelft van 2022. Op 31 december 2022 bedroeg het maatschappelijk kapitaal van de Groep 187 miljoen euro, verdeeld over 154.820.528 volstortte gewone aandelen. Op 31 december 2022 hield de Groep geen eigen aandelen aan.
De reële waarde is het bedrag waarvoor een actief kan worden verhandeld of een verplichting kan worden afgewikkeld in een regelmatige transactie tussen marktdeelnemers op de waarderingsdatum. Alle afgeleide nanciële instrumenten worden tegen reële waarde opgenomen in de balans. De Groep groepeert haar nanciële instrumenten rekening houdend met de kenmerken van deze nanciële instrumenten. De reële waarden en de boekwaarden van nanciële activa en verplichtingen gegroepeerd per verwerkingscategorie alsook de reconciliatie naar de onderliggende posten in de balans worden toegelicht in de hiernavolgende tabel. De tabel bevat geen reële waarde informatie van nanciële activa en verplichtingen die niet aangehouden worden aan reële waarde indien de boekwaarde een goede benadering is van de reële waarde.
In 2022 en 2021 waren er geen herclassicaties van nanciële activa binnen de categorieën. De overige te betalen posten die opgenomen zijn in de categorie van nanciële verplichtingen verplicht gewaardeerd aan reële waarde met waardeveranderingen geboekt in de winst- en verliesrekening in de reële waarde hiërarchie categorie 2 (2022: 2 miljoen euro, 2021: 2 miljoen euro) betreft een deposito van 3,4 ton zilver geplaatst bij een bedrijf van metaalherwinning en ranage die gewaardeerd wordt aan reële waarde (observeerbare marktprijs).
| MILJOEN EURO | Toelichting | Boekwaarden van nanciële activa en verplichtingen | Reële waarde (b) Transactiekosten zijn in mindering geboekt van de financiële verplichtingen (1 miljoen euro). (c) De reële waarde van de verplichtingen uit leaseovereenkomsten wordt in overeenstemming met IFRS 7 niet toegelicht.
MILJOEN EURO
| Toelichting | Boekwaarden van financiële activa en verplichtingen | Reële waarde | Reële waarde hiërarchie (1) |
|---|---|---|---|
| Afdekkingsinstrumenten | Gewaardeerd aan reële waarde met waarde- veranderingen geboekt in winst- en verliesrekening | Activa | |
| Overige financiële activa | | - | - |
| Handelsvorderingen | . | - | - |
| Vorderingen uit leaseovereenkomsten | | - | - |
| Overige vorderingen | | - | - |
| Derivaten: Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen | - | - | - |
| Swap-contracten aangeduid als kasstroomafdekkingen | - | - | - |
| Overige termijnwisselverrichtingen | - | | - |
| Overige swap-contracten | - | | - |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | | - | |
| TOTAAL ACTIVA | - | | |
| Verplicht gewaardeerd aan reële waarde met waarde- veranderingen opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten: investeringen in eigen- vermogensinstrumenten | Financiële activa aan geamortiseerde kostprijs | Financiële verplichtingen aan geamortiseerde kostprijs | |
| Passiva | |||
| Rentedragende verplichtingen | - | - | - |
| 'Revolving'-kredietfaciliteit (b) | | - | () |
| Negatieve banksaldi | | - | - |
| Overige rentedragende verplichtingen | | - | |
| Verplichtingen uit leaseovereenkomsten | . | - | |
| Handelsschulden | - | - | |
| Overige te betalen posten | | | - |
| Derivaten: Termijnwisselverrichtingen aangeduid als kasstroomafdekkingen | | - | - |
| Swap-contracten aangeduid als kasstroomafdekkingen | - | - | - |
| Overige termijnwisselverrichtingen | - | - | - |
| Overige swap-contracten | - | | - |
| TOTAAL VAN DE FINANCIËLE VERPLICHTINGEN | | - | |
Reële waarde hiërarchie:
(1) Reële waarde hiërarchie 1 betekent dat de reële waarde bepaald werd op basis van genoteerde prijzen in actieve markten.
(2) Reële waarde hiërarchie 2 betekent dat de reële waarde gebaseerd is op data die relevant zijn voor het desbetreffende actief of verplichting, andere dan genoteerde prijzen.
(3) Reële waarde hiërarchie 3 betekent dat de reële waarde niet gebaseerd is op relevante data voor het desbetreffende actief of verplichting.
(a) De Groep heeft de reële waarde van handels- en overige vorderingen en van handels- en overige schulden niet apart toegelicht daar het gaat over kortlopende vorderingen en schulden waarvan de boekwaarde een goede weergave is van de reële waarden van dergelijke activa en verplichtingen.
(b) Transactiekosten zijn in mindering geboekt van de financiële verplichtingen (1 miljoen euro).
(c) De reële waarde van de verplichtingen uit leaseovereenkomsten wordt in overeenstemming met IFRS 7 niet toegelicht.
De methoden en veronderstellingen toegepast bij het bepalen van de reële waarde van iedere categorie financiële activa of financiële verplichtingen zijn de volgende:
De reële waarde van investeringen in aandelen, andere dan investeringen verwerkt volgens de ‘equity’-methode, is de genoteerde marktnotering op rapporteringsdatum. De reële waarden van termijnwisselcontracten en swap-contracten worden berekend rekening houdend met actuele markt- termijnrentevoeten en de rendementscurve over de resterende looptijd van het instrument. De reële waarde van de handels- en overige vorderingen en van handels- en overige verplichtingen wordt niet apart toege- licht gezien het gaat over kortetermijnvorderingen en verplichtingen waarvoor de nettoboekwaarde een goede benadering is van de reële waarde. De reële waarde van invorderbare minimale leasebetalingen is gebaseerd op de contante waarde van de minimum leasebetalingen verdisconteerd aan marktconforme interestvoeten voor vergelijkbare activa. De reële waarde van financiële verplichtingen is de contante waarde van de toekomstige kasstromen voor de aossing van het hoofdbedrag en de interestbetalingen, verdisconteerd aan marktconforme interestvoeten op de rapporteringdatum. De reële waarde van de kortlopende leningen benadert de boekwaarde op rapporteringdatum, exclusief transactiekosten, gezien opnames voor een korte periode aangegaan worden. De reële waarde van de uitgestelde overnameprijs uit overnames wordt berekend aan de hand van de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen. Het model houdt rekening met de contante waarde van de verwachte toekomstige betalingen verdisconteerd aan een voor risico aangepaste disconteringsvoet. Relevante data zijn de toekomstige kasstro- men en de disconteringsvoet. De ingeschatte reële waarde kan stijgen (dalen) als de ingeschatte te behalen doelstellingen stijgen (dalen).
MILJOEN EURO
| Financiële activa aan geamortiseerde kostprijs | Derivaten | Financiële verplichtingen aan geamortiseerde kostprijs | Financiële verplichtingen aan reële waarde | TOTAAL | |
|---|---|---|---|---|---|
| Financieringsbaten | | - | - | - | |
| Financieringskosten | - | () | () | - | () |
| Baten uit financiële leaseovereenkomsten | | - | - | - | |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | () | - | - | - | () |
| Opbrengsten uit terugnames van bijzondere waardeverminderingsverliezen | | - | - | - | |
| Veranderingen in reële waarde van derivaten niet aangeduid als afdekkingsinstrumenten in een afdekkingsrelatie | - | | - | - | |
| Nettoresultaat uit de ineffectiviteit van derivaten toegewezen als kasstroomafdekkingen | - | - | - | - | - |
MILJOEN EURO
| Financiële activa aan geamortiseerde kostprijs | Derivaten | Financiële verplichtingen aan geamortiseerde kostprijs | Financiële verplichtingen aan reële waarde | TOTAAL | |
|---|---|---|---|---|---|
| Financieringsbaten | | - | - | - | |
| Financieringskosten | - | () | () | - | () |
| Baten uit financiële leaseovereenkomsten | | - | - | - | |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | () | - | - | - | () |
| Opbrengsten uit terugnames van bijzondere waardeverminderingsverliezen | | - | - | - | |
| Veranderingen in reële waarde van derivaten niet aangeduid als afdekkingsinstrumenten in een afdekkingsrelatie | - | () | - | - | () |
| Nettoresultaat uit de ineffectiviteit van derivaten toegewezen als kasstroomafdekkingen | - | - | - | - | - |
MILJOEN EURO
| Goodwill | Immateriële activa | TOTAAL | |
|---|---|---|---|
| Onbepaalde gebruiksduur | |||
| Beperkte gebruiksduur | |||
| Merknamen | |||
| Geactiveerde ontwikkelingskosten | |||
| Technologie | |||
| Cliëntencontracten en -relaties | |||
| Merknamen | |||
| Management informatiesystemen | |||
| Software, industriële eigendoms- rechten en andere licenties | |||
| Vooruitbetalingen op immateriële activa | |||
| Aanschaffingswaarde per 31 december 2019 | | | |
| Valutakoersverschillen | | - | - |
| Overnames | - | - | - |
| Afstotingen | - | - | - |
| Toegekende warmtekrachtcertificaten en emissierechten | - | - | - |
| Investeringsuitgaven | - | - | - |
| Buitengebruikstellingen | - | () | () |
| Ingebruikname activa in aanbouw | - | - | - |
| Overboekingen | - | - | - |
| Aanschaffingswaarde per 31 december 2020 | | | |
| Valutakoersverschillen | | - | - |
| Overnames | | - | |
| Toegekende warmtekrachtcertificaten en emissierechten | - | - | - |
| Investeringsuitgaven | - | - | - |
| Buitengebruikstellingen | () | - | - |
| Ingebruikname activa in aanbouw | - | - | - |
| Overboekingen | - | - | - |
| Aanschaffingswaarde per 31 december 2021 | | | |
| Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen per 31 december 2019 | () | - | () |
| Valutakoersverschillen | () | - | - |
| Afschrijvingen van het jaar | - | - | - |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | - | - | - |
| Buitengebruikstellingen | - | | |
| Overboekingen | - | - | - |
| Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen per 31 december 2020 | () | - | () |
| Valutakoersverschillen | () | - | - |
| Afstotingen | - | - | - |
| Afschrijvingen van het jaar | - | - | () |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | () | - | - |
| Buitengebruikstellingen | | - | - |
| Overboekingen | - | - | - |
| Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen per 31 december 2021 | () | - | () |
| Boekwaarde per 31 december 2019 | | - | - |
| Boekwaarde per 31 december 2020 | | - | - |
| Boekwaarde per 31 december 2021 | | - | |
In 2022 bedragen de investeringsuitgaven voor immateriële activa 7 miljoen euro (2021: 1 miljoen euro) en hadden voor- namelijk betrekking op software, licenties en emissierechten. Overnames in 2022 hebben betrekking op de overname van Inca (zie toelichting 19.1). Op het einde van 2022 heeft de Groep geen immateriële activa met onbepaalde gebruiksduur. De Groep heeft onderzocht of er een indicatie is die wijst op een mogelijke bijzondere waardevermindering voor de immateriële activa met beperkte gebruiksduur. Deze tests hebben geleid tot het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies voor het segment Radiology Solutions (zie toelichting 27.1.2). Het management van de Groep heeft op het einde van 2022 beoordeeld of de gebruiksduur van haar belangrijkste immate- riële activa nog terecht is. Dit resulteerde niet in een herziening van de afschrijvingstermijnen van immateriële activa die behoren tot de business segmenten HealthCare IT, Radiology Solutions en Digital Print & Chemicals. Meer informatie omtrent de onderliggende veronderstellingen met betrekking tot de gebruiksduur wordt verstrekt in toe- lichting 27.3.# 27. Winstbepaling
Voor de jaarrekening van de Groep wordt de goodwill jaarlijks onderzocht op bijzondere waardevermindering en telkens er een aanwijzing is die wijst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. In het kader van het onderzoek op bijzondere waardevermindering is goodwill toegekend aan een kasstroomgenererende eenheid. In overeenstemming met de definitie van kasstroomgenererende eenheid heeft het management van de Groep, de te rapporteren segmenten als kasstroomgenererende eenheden geïdentificeerd, zijnde Agfa Healthcare IT, Radiology Solutions, Digital Print & Chemicals en Offset Solutions. Het te rapporteren segment vertegenwoordigt het laagste niveau binnen de Groep waarop goodwill opgevolgd wordt voor interne managementdoeleinden (zie toelichting 6 ‘Te rapporteren segmenten’). Op het einde van 2022 werd de goodwill toebehorend aan de segmenten HealthCare IT, Radiology Solutions en Digital Print & Chemicals getest op bijzondere waardevermindering. Deze test was niet vereist voor het segment Offset Solutions, daar de goodwill toegewezen aan het segment Offset Solutions reeds in de voorgaande jaren volledig afgewaardeerd was.
Goodwill wordt getoetst voor bijzondere waardevermindering door de boekwaarde van elke kasstroomgenererende eenheid te vergelijken met haar realiseerbare waarde. De realiseerbare waarde van de kasstroomgenererende eenheid is bepaald aan de hand van de berekende bedrijfswaarde. De bedrijfswaarde wordt bepaald als de contante waarde van verwachte toekomstige kasstromen, welke worden afgeleid van de huidige langetermijnplanning van de Groep. De disconteringsvoet die gebruikt wordt in de bepaling van de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen is een disconteringsvoet die gebaseerd is op een gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC). De gewogen gemiddelde kapitaalkost is gebaseerd op deze van een gemiddelde marktdeelnemer van een groep van peers waarbij een extra risicocomponent toegevoegd werd aan de kost van eigen vermogen. De kost van vreemd vermogen is gebaseerd op voorwaarden die vergelijkbare bedrijven voor hun langetermijnfinanciering zouden kunnen onderhandelen. De disconteringsvoet is voor elke kasstroomgenererende eenheid afzonderlijk berekend op basis van de verhouding schuldgraad versus eigen vermogen van elke groep van peers. De disconteringsvoet voor belastingen is afgeleid van de gewogen gemiddelde kapitaalkost bij wijze van iteratie.
Op 31 december 2022 bedraagt de boekwaarde van de goodwill van de kasstroomgenererende eenheid Agfa HealthCare IT 217 miljoen euro. Per jaareinde 2022 heeft de Groep de goodwill behorende tot de kasstroomgenererende eenheid Agfa HealthCare IT getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering. Rekening houdend met de gebruikte veronderstellingen is de bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid groter dan haar boekwaarde en is er geen bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt.
De bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid Agfa HealthCare IT wordt bepaald op basis van kasstroomvoor- spellingen over de komende vijf jaar. De kasstroomprognoses werden bepaald op basis van een formeel door de Raad van Bestuur goedgekeurd strategisch bedrijfsplan. Na vijf jaar wordt de residuele waarde van de kasstroomgenererende eenheid bepaald, rekening houdend met een groeivoet voor de divisie Information Technology Solutions (IT-oplossingen) van 1,5%. Deze groeivoet is afgeleid van beschikbare marktinformatie. De belangrijkste veronderstellingen gebruikt in de beoordeling van een mogelijke bijzondere waardevermindering zijn bepaald door het management van het te rapporteren segment Agfa HealthCare IT en zijn gebaseerd op prestaties uit het verleden en de verwachtingen wat betreft marktont- wikkeling. Deze zijn als volgt:
Er werd een sensitiviteitsanalyse uitgevoerd waarbij het effect onderzocht werd van een redelijkerwijs mogelijke verhoging van de gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC) met 100 basispunten. Deze sensitiviteitsanalyses hebben geen risico op een mogelijks bijzondere waardevermindering onthuld. Op basis van voornoemde gevoeligheidsanalyse is het management ervan overtuigd dat een redelijkerwijs mogelijke wijziging in een belangrijke veronderstelling waarop het management zijn bepaling van de realiseerbare waarde van de eenheid heeft gebaseerd, geen aanleiding zal geven tot het boeken van een bijzonder waardeverminderingsverlies.
Op 31 december 2022 is de boekwaarde van de goodwill van de kasstroomgenererende eenheid Radiology Solutions volledi- ge afgewaardeerd. Als gevolg van een sterk verhoogde WACC in combinatie met een achteruitgang van het business plan, is gebleken dat de berekende bedrijfswaarde van de eenheid lager was dan de boekwaarde. Bijgevolg werd er een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt ten belope van 70 miljoen euro op goodwill en ten belope van 3 miljoen euro op immateriële vaste activa met beperkte gebruiksduur in overige bedrijfskosten (zie toelichting 9).
De bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid Agfa Radiology Solutions wordt bepaald op basis van kasstroom- voorspellingen over de komende vijf jaar. De kasstroomprognoses werden bepaald op basis van een formeel door de Raad van Bestuur goedgekeurd strategisch bedrijfsplan. Na vijf jaar wordt de residuele waarde van de kasstroomgenererende eenheid bepaald, rekening houdend met een groeivoet van -3,87%. De groeivoeten zijn afgeleid van beschikbare marktinformatie. De gewogen gemiddelde groeivoet is gestegen ten opzichte van het vorige jaar omwille van het feit dat het segment Direct Radiography (DR), dat een positieve groeivoet heeft, aan gewicht gewonnen heeft in het bedrijfsplan. De belangrijkste veronderstellingen gebruikt zijn als volgt:
Op 31 december 2022 bedraagt de boekwaarde van de goodwill van de kasstroomgenererende eenheid Digital Print & Che- micals 2 miljoen euro. Per jaareinde 2022 heeft de Groep de goodwill behorende tot de kasstroomgenererende eenheid Digital Print & Chemicals getoetst op een mogelijke bijzondere waardevermindering.
Rekening houdend met de gebruikte veronderstellingen is de bedrijfswaarde van de eenheid groter dan haar boekwaarde en is er geen bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt.
De bedrijfswaarde van de kasstroomgenererende eenheid Digital Print & Chemicals wordt bepaald op basis van kasstroom- voorspellingen over de komende vijf jaar. De kasstroomprognoses werden bepaald op basis van een formeel door de Raad van Bestuur goedgekeurd strategisch bedrijfsplan. Na vijf jaar wordt de residuele waarde van de kasstroomgenererende eenheid bepaald, rekening houdend met een groeivoet voor de divisie van 5%. Deze groeivoet is afgeleid van beschikbare marktinformatie. De belangrijkste veronderstellingen gebruikt in de beoordeling van een mogelijke bijzondere waardevermindering zijn bepaald door het management van het te rapporteren segment Digital Print & Chemicals en zijn gebaseerd op prestaties uit het verleden en de verwachtingen wat betreft marktontwikkeling. Deze zijn als volgt:
Op 31 december 2022 omvat de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid Offset Solutions geen goodwill.
Op het einde van 2022 heeft de Groep geen immateriële activa met onbepaalde gebruiksduur op de balans.
De gebruiksduur van een immaterieel actief is de periode, waarin het actief verwacht wordt op een directe of op een in- directe wijze bij te dragen tot de toekomstige kasstromen van de Groep. Verworven technologie, klantencontracten en -relaties zijn de meest belangrijke immateriële activa van de Groep.Voor verworven technologie is de schatting van de resterende gebruiksduur gebaseerd op een analyse van factoren zoals typische productlevenscycli in de industrie en technologische en economische veroudering voortkomende hoofdzakelijk uit verwachte acties van concurrenten en potentiële concurrenten. Op 31 december 2022 bedroeg de nettoboekwaarde van de door de Groep verworven technologie 21 miljoen euro (2021: 0 miljoen euro). Deze technology werd verworven door de overname van Inca Digital Printers (zie toelichting 19.1). De verworven technology van de Groep heeft een gewogen gemiddelde resterende levensduur van 9 jaar. De gebruiksduur van immateriële activa wordt regelmatig beoordeeld en herzien indien noodzakelijk.
Voor verworven klantencontracten en -relaties is de schatting van de resterende gebruiksduur gebaseerd op ratio’s die het verval van klantenrelaties weergeven. Voor de schatting van dergelijke ratio’s beoordeelt de Groep de waarschijnlijkheid dat bestaande contracten worden hernieuwd. Voor de beoordeling van de waarschijnlijkheid dat bestaande contracten worden hernieuwd, worden de vraag, de concurrentie en andere factoren zoals technologische afhankelijkheid en daarmee verband houdende ‘sunk costs’ in overweging genomen. Op 31 december 2022 bedroeg de nettoboekwaarde van de door de Groep verworven klantencontracten en -relaties 1 miljoen euro (2021: 9 miljoen euro). Gedurende 2022 werd er een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt op de klantencontracten toegewezen aan het segment Radiology Solutions ten belope van 3 miljoen euro. Dit tengevolge van de jaarlijkse test op bijzondere waardevermindering. De door de Groep verworven klantencontracten en -relaties hebben een geschatte gewogen gemiddelde resterende gebruiksduur van ongeveer vijf jaar. De gebruiksduur van immateriële activa wordt regelmatig beoordeeld en herzien indien noodzakelijk.
Hoewel de Groep van oordeel is dat de gebruikte veronderstellingen (zoals de productlevenscycli en de ratio’s die het verval van klantenrelaties weergeven) geschikt zijn, kunnen belangrijke verschillen in actuele ervaring een impact hebben op de toekomstige afschrijvingslast voor de Groep.
MILJOEN EURO
| Terreinen, gebouwen en infrastructuur | Machines en technische uitrusting | Meubilair en overige materiële vaste activa | Vaste activa in aanbouw en vooruitbetalingen op materiële vaste activa | TOTAAL | |
|---|---|---|---|---|---|
| Aanschaffingswaarde per 31 december 2020 | 2.506 | 215 | 21 | 1.447 | 4.189 |
| Valutakoersverschillen | 6 | 16 | 0 | 1 | 23 |
| Nieuwe leaseovereenkomsten | - | - | - | - | - |
| Investeringsuitgaven | 17 | 0 | 0 | 18 | 35 |
| Buitengebruikstellingen | (20) | (15) | (8) | (1) | (44) |
| Ingebruikname activa in aanbouw | - | 1 | - | (1) | - |
| Overboekingen | 1 | 3 | - | (1) | 3 |
| Aanschaffingswaarde per 31 december 2021 | 2.510 | 219 | 13 | 1.464 | 4.206 |
| Valutakoersverschillen | 1 | 0 | - | - | 1 |
| Nieuwe leaseovereenkomsten | - | - | - | - | - |
| Investeringsuitgaven | 17 | 0 | 8 | 15 | 40 |
| Overnames | 12 | 3 | - | - | 15 |
| Buitengebruikstellingen | (16) | (18) | (2) | (1) | (37) |
| Ingebruikname activa in aanbouw | - | 1 | - | (1) | - |
| Overboekingen | - | - | 1 | (1) | 1 |
| Aanschaffingswaarde per 31 december 2022 | 2.524 | 205 | 20 | 1.494 | 4.243 |
| Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen per 31 december 2020 | (156) | (1.333) | (115) | (4) | (1.608) |
| Valutakoersverschillen | (8) | (16) | (1) | - | (25) |
| Afschrijvingen van het jaar | (6) | (18) | (1) | - | (25) |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | - | - | - | - | - |
| Buitengebruikstellingen | 11 | 13 | 18 | 1 | 43 |
| Overboekingen | 1 | - | - | - | 1 |
| Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen per 31 december 2021 | (158) | (1.354) | (99) | (3) | (1.614) |
| Valutakoersverschillen | (1) | (2) | (1) | - | (4) |
| Afschrijvingen van het jaar | (6) | (18) | (1) | - | (25) |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | (7) | (12) | (1) | (5) | (25) |
| Overnames | (1) | (3) | (1) | - | (5) |
| Buitengebruikstellingen | 16 | 18 | 2 | 1 | 27 |
| Overboekingen | - | 1 | - | (1) | 1 |
| Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen per 31 december 2022 | (157) | (1.375) | (100) | (8) | (1.640) |
| Boekwaarde per 31 december 2020 | 111 | 170 | 6 | 1.443 | 1.730 |
| Boekwaarde per 31 december 2021 | 90 | 65 | 14 | 1.461 | 1.630 |
| Boekwaarde per 31 december 2022 | 87 | 30 | 20 | 1.486 | 1.623 |
In 2022 bedroegen de investeringsuitgaven voor materiële vaste activa 26 miljoen euro (2021: 25 miljoen euro), waarvan 16 miljoen euro (2021: 16 miljoen euro) voornamelijk betrekking heeft op machines en technische uitrusting voornamelijk in België en waarvan 5 miljoen euro (2021: 4 miljoen euro) betrekking heeft op activa in aanbouw voor efficiëntieverhoging, instandhouding en IT-gerelateerde projecten in de productie in België, Duitsland en Brazilië.
De Groep, als leasinggever, heeft activa onder operationele leaseovereenkomsten opgenomen in de balans onder de rubriek ‘Overige materiële vaste activa’. Per einde december 2022 bedroeg de nettoboekwaarde van de materiële vaste activa onder operationele leaseovereenkomsten 4 miljoen euro (2021: 6 miljoen euro) (zie toelichting 44).
De bijzondere waardeverminderingsverliezen op machines en technische uitrusting bedragen 26 miljoen euro en hebben betrekking op entiteiten toegewezen aan Offset Solutions activiteiten en als dusdanig in aanmerking komen om te worden verkocht in 2023. Deze activa werden volledig afgeschreven aangezien de verkoopprijs voor de te verkopen groep van entiteiten lager is dan de nettoboekwaarde van deze te verkopen groep van entiteiten. Meer informatie is terug te vinden in sectie 4 ‘Schattingen en oordelen van het Management’.
Ingevolge de toepassing van IFRS 16 vanaf 2019 erkent de Groep als leasingnemer recht-op-gebruik activa, die het gebruiksrecht van het gehuurde actief vertegenwoordigen, en leaseverplichtingen, die de verplichting vertegenwoordigen om toekomstige leasebetalingen te verrichten. De Groep maakt gebruik van de optionele vrijstellingen voor leaseovereenkomsten met een leaseperiode van 12 maanden of minder en voor leaseovereenkomsten waarvoor het onderliggend actief een beperkte waarde heeft, zoals het merendeel van de ICT-apparatuur van de Groep.
Het recht-op-gebruik actief wordt initieel erkend aan kostprijs en vervolgens lineair afgeschreven over de resterende leasetermijn, tenzij de eigendom van het onderliggend actief overgaat naar de leasingnemer aan het einde van de leasetermijn of wanneer de kost van het recht-op-gebruik actief ook de uitoefenprijs van een aankoopoptie omvat. In deze gevallen wordt het recht-op-gebruik actief afgeschreven over de levensduur van het onderliggend actief, in lijn met de methodiek die ook van toepassing is voor materiële vaste activa.
Onderstaande tabel toont een reconciliatie met de eindbalans per 31 december 2022 voor de recht-op-gebruik activa, uitgesplitst naar categorie. De Groep onderscheidt vier categorieën: 1) terreinen, gebouwen en infrastructuur, 2) personenwagens, 3) overige transportmiddelen, voornamelijk gerelateerd aan onze productie, en 4) overige activa.
MILJOEN EURO
| Recht-op-gebruik land, gebouwen, infrastructuur | Recht-op-gebruik auto’s | Recht-op-gebruik overige transportmiddelen | Recht-op-gebruik overige activa | TOTAAL | |
|---|---|---|---|---|---|
| Aanschaffingswaarde per 31 december 2020 | 158 | 17 | 1 | 12 | 188 |
| Valutakoersverschillen | 1 | 3 | - | 0 | 4 |
| Nieuwe leaseovereenkomsten | 6 | 7 | 1 | 1 | 15 |
| Herwaarderingen van leaseovereenkomsten | 10 | (1) | - | - | 9 |
| Buitengebruikstellingen | (20) | (7) | - | - | (27) |
| Overboekingen | (20) | (1) | - | - | (21) |
| Aanschaffingswaarde per 31 december 2021 | 135 | 15 | 2 | 13 | 165 |
| Valutakoersverschillen | - | - | - | - | - |
| Nieuwe leaseovereenkomsten | 7 | 10 | - | - | 17 |
| Herwaarderingen van leaseovereenkomsten | (20) | - | - | - | (20) |
| Overnames | 10 | - | - | - | 10 |
| Buitengebruikstellingen | (15) | (5) | - | - | (20) |
| Overboekingen | (1) | (1) | - | - | (2) |
| Aanschaffingswaarde per 31 december 2022 | 116 | 19 | 2 | 13 | 150 |
| Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen per 31 december 2020 | (13) | (15) | (1) | - | (29) |
| Valutakoersverschillen | 1 | 2 | - | - | 3 |
| Afschrijvingen van het jaar | (15) | (11) | (1) | - | (27) |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | (1) | - | - | - | (1) |
| Buitengebruikstellingen | 10 | 7 | - | - | 17 |
| Overboekingen | - | - | - | - | - |
| Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen per 31 december 2021 | (18) | (17) | (2) | - | (37) |
| Valutakoersverschillen | - | - | - | - | - |
| Afschrijvingen van het jaar | (15) | (14) | (1) | - | (30) |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen | (11) | (5) | (1) | - | (17) |
| Buitengebruikstellingen | 5 | 7 | - | - | 12 |
| Overboekingen | 1 | 1 | - | - | 2 |
| Geaccumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen per 31 december 2022 | (38) | (28) | (3) | - | (69) |
| Boekwaarde per 31 december 2021 | 117 | (2) | 0 | 13 | 128 |
| Boekwaarde per 31 december 2022 | 78 | (9) | (1) | 13 | 81 |
Nieuwe leasecontracten afgesloten in de loop van 2022 bedroegen 14 miljoen euro (2021: 12 miljoen Euro) en betroffen voornamelijk gebouwen en personenwagens. De toename in recht-op-gebruik activa was hierbij gelijk aan de toename in leaseverplichtingen. Bijkomende informatie betreffende de evolutie in leaseverplichtingen wordt vermeld in toelichting 38.
Herwaarderingen van leasecontracten in de loop van 2022 bedroegen minus 2 miljoen euro (2021: 7 miljoen Euro) en betroffen voornamelijk afgelopen leasecontracten.
Overnames ten belope van 8 miljoen Euro in 2022 hebben betrekking op de overname van Inca (zie toelichting 19).
In 2022 werden bijzondere waardeverminderingsverliezen op recht-op-gebruik activa erkend voor een bedrag van 15 miljoen euro (2021: 1 miljoen euro). Deze hebben betrekking op entiteiten toegewezen aan de Offset Solutions activiteiten die in aanmerking komen om te worden verkocht in 2023. Deze recht-op-gebruik activa werden volledig afgewaardeerd aangezien de verkoopprijs voor de te verkopen groep van entiteiten lager is dan de nettoboekwaarde van de te verkopen groep van entiteiten. Meer informatie over deze geplande verkoop is terug te vinden in sectie 4 ‘Schattingen en oordelen van het Management’.# GEASSOCIEERDE DEELNEMINGEN EN OVERIGE FINANCIËLE ACTIVA
In de loop van 2021 heeft de Groep samen met andere investeringspartners de onderneming Penny Black opgericht, een start-up besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid die software- en drukoplossingen aanbiedt voor de ‘e-commerce business’. De Groep houdt een deelneming aan in deze onderneming van 49,80%. De geassocieerde deelneming wordt gewaardeerd volgens de ‘equity’-methode. In de loop van 2022 investeerde de Groep additioneel een bedrag van 0,7 miljoen euro in deze vennootschap. Gedurende 2022 werden verliezen ten belope van 0,7 miljoen euro geboekt met betrekking tot het aangehouden aandeel. (2021 : 0,2 miljoen euro). De boekwaarde van de investering in Penny Black bedraagt 0,7 miljoen euro na opname van het aangehouden aandeel.
| MILJOEN EURO | 2021 | 2022 |
|---|---|---|
| Penny Black (49,8%) | ||
| Boekwaarde van de investering, inclusief goodwill | 0,7 | 0,7 |
| Nettoverlies, na winstbelastingen | (0,2) | (0,7) |
| Aandeel van de Groep in het nettoverlies van geassocieerde deelnemingen, na winstbelastingen | (0,1) | (0,4) |
| Niet-gerealiseerde resultaten, na winstbelastingen | - | - |
| Aandeel van de Groep in de niet-gerealiseerde resultaten van geassocieerde deelnemingen | - | - |
Beknopte financiële informatie:
| 2021 | 2022 | |
|---|---|---|
| Langlopende activa | 0,6 | |
| Kortlopende activa | 3,2 | 3,0 |
| Eigen vermogen | 3,8 | 3,5 |
| Kortlopende verplichtingen | - | 0,2 |
| Aandeel van de Groep in het eigen vermogen | 1,9 | 1,7 |
| Goodwill begrepen in de boekwaarde van de investering | - | - |
| Boekwaarde van de investering in geassocieerde deelnemingen | 1,9 | 1,7 |
Per einde december 2022 en 2021 bevatten financiële activa aan reële waarde via de niet-gerealiseerde resultaten de investering in Digital Illustrate Inc., een Koreaanse fabrikant van UV-printers. De Groep houdt een deelneming aan van 15% in deze onderneming. De investering wordt geboekt aan reële waarde, zijnde de genoteerde beurskoers. Veranderingen in de reële waarde worden geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten. De Groep duidde deze investering aan in de categorie aangehouden aan reële waarde met waardeveranderingen in de niet-gerealiseerde resultaten, gezien deze investering door de Groep beschouwd wordt als een strategische investering met de intentie om ze voor een lange termijn aan te houden. Er werden geen dividenden ontvangen gedurende 2022 (2021: 0 miljoen euro).
| MILJOEN EURO | 2021 | 2022 |
|---|---|---|
| Financiële activa gewaardeerd aan reële waarde met waardeveranderingen in de niet-gerealiseerde resultaten - eigen-vermogensinstrumenten | 5 | 2 |
| Financiële activa aan geamortiseerde kostprijs | 2 | 3 |
| TOTAAL | 7 | 5 |
Leaseovereenkomsten waarbij de tegenpartij, de leasingnemer, als economische eigenaar van het actief wordt beschouwd, worden opgenomen als vordering voor een bedrag gelijk aan de contante waarde van de toekomstige minimale leasebetalingen. De contante waarden van de toekomstige minimale leasebetalingen bedroegen 105 miljoen euro op 31 december 2022 (2021: 102 miljoen euro) en zullen tot aan het einde van de leaseperiode nancieringsbaten voor een bedrag van 11 miljoen euro genereren (2021: 10 miljoen euro). Op 31 december 2022 bedroegen de waardeverminderingen op deze vorderingen 1 miljoen euro (2021: 2 miljoen euro). De invorderbare, minimale leasebetalingen zijn als volgt:
| MILJOEN EURO | 2021 | 2022 |
|---|---|---|
| Totaal van de toekomstige minimale leasebetalingen | Onverdiende nancierings- baten | |
| Niet later dan één jaar | 26 | 6 |
| Jaar +1 | 18 | 6 |
| Jaar +2 | 13 | 3 |
| Jaar +3 | 12 | 2 |
| Jaar +4 | 7 | - |
| Later dan vijf jaar | 2 | - |
| Totaal minimale leasebetalingen | 78 | 17 |
| Niet gegarandeerde restwaarde | 2 | - |
| TOTAAL | 80 | 17 |
Waardeverminderingen (1) (2)
Vorderingen uit leaseovereenkomsten | 62 | 50 |
De Groep sluit voor bepaalde uitrusting financiële leaseovereenkomsten af voornamelijk via Agfa Finance (zijnde Agfa Finance NV, Agfa Finance Corp. en Agfa Finance Inc.) en via Agfa verkooporganisaties in Australië en België. Bij het aangaan van de leaseovereenkomst bedraagt de contante waarde van de minimale leasebetalingen doorgaans minstens 90% van de reële waarde van de activa die onder een financiële lease worden aangehouden. Het overgrote deel van de leaseovereenkomsten afgesloten met Agfa Finance hebben een niet-opzegbare leaseperiode van vier jaar. Meestal voorzien de overeenkomsten in een koopoptie voor het actief na het verstrijken van de leaseperiode aan een waarde die doorgaans tussen de 2% en 5% van de bruto-investering bij het afsluiten van de leaseovereenkomst bedraagt. In sommige gevallen wordt de reële waarde van het actief terugbetaald door middel van een koopverplichting voor verbruiksgoederen aan een hogere waarde dan hun marktwaarde. In dit geval dient de toeslag hoog genoeg te zijn om het initieel door de leasinggever geïnvesteerde bedrag te dekken. In deze overeenkomsten kan de toeslag en/of de leaseperiode veranderd worden. Agfa Finance biedt haar diensten aan via haar dochterondernemingen in Frankrijk en Italië en via haar bijkantoren in Europa (Spanje, Zwitserland, Benelux, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en de Scandinavische landen), via Agfa Finance Corp. in de Verenigde Staten en Agfa Finance Inc. in Canada. Op 31 december 2022 bedroeg de contante waarde van de 229AgfA-gevAert – jAArverslAg 2022 minimale leasebetalingen voor Agfa Finance vóór verrekening van waardeverminderingen 104 miljoen euro (2021: 101 miljoen euro). De Agfa-verkooporganisatie in Australië biedt de klanten financiering aan voor grafische uitrusting met een gemiddelde resterende leaseperiode van twaalf maanden en in België is Agfa Offset BV de leasinggever voor offset-uitrusting. Op 31 december 2022 bedroeg de contante waarde van de minimale leasebetalingen vóór verrekening van waardeverminderingen 1 miljoen euro (2021: 1 miljoen euro). In 2022 en 2021 heeft de Groep niets van de leaseportfolio verkocht.
| MILJOEN EURO | 2021 | 2022 |
|---|---|---|
| Grond- en hulpstoffen | 75 | 71 |
| Goederen in bewerking en halfafgewerkte producten | 300 | 337 |
| Afgewerkte producten | 15 | 20 |
| Handelsgoederen inclusief wisselstukken | 353 | 156 |
| Goederen onderweg en andere voorraden | 15 | 13 |
| TOTAAL | 758 | 597 |
De afwaarderingen van de voorraden naar opbrengstwaarde bedroegen 12 miljoen euro in 2022 (2021: 12 miljoen euro). Deze afwaarderingen hebben betrekking op verouderde, beschadigde of vervallen voorraad. In de geconsolideerde winst- en verliesrekening zijn de afwaarderingen van de voorraden in de kostprijs van verkopen verwerkt. De stijging van de voorraad in vergelijking met het voorgaande jaar kan verklaard worden door de effecten van inflatie, problemen in de bevoorradingslijnen, tekorten van bepaalde onderdelen die vertraging in de afgewerkte producten opleveren en de overname van Inca Digital Printers. In de loop van 2022 heeft de Groep Inca Digital Printers overgenomen (zie toelichting 19). Voorraden werden gewaardeerd tegen reële waarde, zijnde de verwachte verkoopprijs in de normale gang van zaken, verminderd met de verwachte afwerkings- en verkoopkosten en een redelijke winstmarge gebaseerd op de nodige te leveren inspanningen om de voorraad verkocht te krijgen.
Overige vorderingen kunnen als volgt voorgesteld worden:
| MILJOEN EURO | 2021 | 2022 |
|---|---|---|
| Nog niet geactiveerde leasecontracten (1) | (3) | - |
| Nog te ontvangen deel van de overnameprijs van Inca | - | 20 |
| Subsidies en toelagen | 3 | - |
| Vorderingen ten opzichte van het personeel | - | 3 |
| Overige vorderingen | 2 | 5 |
| TOTAAL | 2 | 28 |
(1) Leasingmateriaal dat nog niet werd geïnstalleerd bij de klant ter plaatse.
De reconciliatie van geldmiddelen en kasequivalenten zoals gerapporteerd in de geconsolideerde balans kan als volgt worden weergegeven:
| MILJOEN EURO | 2021 | 2022 |
|---|---|---|
| Geldmiddelen en kasequivalenten zoals gerapporteerd in de geconsolideerde balans | 217 | 139 |
| Negatieve banksaldi (in de balans opgenomen onder de rubriek ‘Rentedragende verplichtingen’) | - | - |
| Geldmiddelen en kasequivalenten zoals weergegeven in het geconsolideerd kasstroomoverzicht | 217 | 139 |
230 TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
De vaste activa aangehouden voor verkoop hebben betrekking op de geplande verkoop van de activa van de gesloten offset drukplatenfabriek in Vallese (Italië), toebehorend aan het operationele segment Offset Solutions. De verkoop van deze activa is voorzien voor volgend jaar. De boekwaarde van de betreffende terreinen, gebouwen en infrastructuur werd gewaardeerd aan hun boekwaarde op 31 december. De reële waarde na aftrek van de verkoopkosten is groter dan de boekwaarde. De vaste activa aangehouden voor verkoop met betrekking tot Pont-à-Marcq (Frankrijk) werden in de loop van 2022 verkocht. De vaste activa aangehouden voor verkoop met betrekking tot Leeds (Verenigd Koninkrijk) werden in de loop van 2021 verkocht met een meerwaarde van 7 miljoen Euro (zie toelichting 9.1 ‘Overige bedrijfsopbrengsten’).
Overige langlopende en kortlopende activa kunnen als volgt voorgesteld worden:
| MILJOEN EURO | 2021 | 2022 |
|---|---|---|
| Langlopend | ||
| Langetermijndienstverleningscontracten met betrekking tot toekomstige boekjaren (strategische leveranciers) | 3 | - |
| Vooruitbetalingen (zie toelichting 29.1 Transacties met andere partijen) | 20 | 7 |
| Totaal langlopend | 23 | 7 |
| Kortlopend | ||
| Langetermijndienstverleningscontracten met betrekking tot toekomstige boekjaren (strategische leveranciers) | 12 | 21 |
| Voorschotten op kosten (voornamelijk mbt douane-expediteurs) | - | - |
| Waarborgen en bewaargevingen | 7 | 2 |
| Vooruitbetalingen | 2 | 2 |
| Overige | 1 | - |
| Totaal kortlopend | 22 | 27 |
| TOTAAL | 45 | 34 |
231AgfA-gevAert – jAArverslAg 2 022 EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN
De diverse componenten van het eigen vermogen evenals de wijzigingen tussen 1 januari 2021 en 31 december 2022 worden weergegeven in de ‘Geconsolideerde Staat van het Eigen Vermogen’.
Op 31 december 2022 en 2021 bedraagt het maatschappelijk kapitaal van de Onderneming 187 miljoen euro. Het aantal uitstaande aandelen bedraagt 154.820.528 per 31 december 2022 (2021: 160.506.706 uitstaande aandelen).
De reserve voor eigen aandelen bevat de kostprijs van de ingekochte eigen aandelen. Per 31 december 2022 hield de Groep geen eigen aandelen aan (2021: 68.053). Op 10 maart 2021 heeft de Groep een programma van terugkoop van aandelen aangekondigd voor een bedrag van 50 miljoen euro. Agfa-Gevaert NV heeft een financiële tussenpersoon verzocht om in zijn naam aandelen Agfa-Gevaert in te kopen voor maximaal 50.000.000 euro op basis van een discretionair mandaat dat inging op 1 april 2021 en gold tot 31 maart 2022. De Raad van Bestuur besliste op 8 maart 2022 om het Aandeleninkoopprogramma 2021 te verlengen tot en met 31 maart 2023 (het ‘Verlengde Aandeleninkoopprogramma 2021’). Sinds het begin van het aandeleninkoopprogramma tot 9 juni 2022 kocht de Agfa-Gevaert Groep, gebaseerd op de transactiedatum, 12.930.662 eigen aandelen (2021: 7.312.537 aandelen; 2022: 5.618.125 aandelen) voor een totaalbedrag van 50 miljoen euro euro (2022: 21 miljoen euro; 2021: 29 miljoen euro). Met deze aankondiging heeft Agfa-Gevaert NV haar aandeleninkoopprogramma dat op 1 april 2021 van start was gegaan, beëindigd. In de eerste jaarhelft van 2022 heeft de Groep 5.618.125 eigen aandelen ingekocht ten belope van 21 miljoen euro. Deze ingekochte aandelen werden allemaal vernietigd in de eerste jaarhelft van 2022 (vernietigingen 2021: 11.344.336 aandelen). Op 31 december 2022 hield de Groep geen eigen aandelen aan.
De reële waardereserve bevat voornamelijk de herwaardering van de deelneming van de Groep in Digital Illustrate Inc. aangeduid als gewaardeerd tegen reële waarde met waardeveranderingen in de niet-gerealiseerde resultaten, dewelke nooit zullen overgeboekt worden naar de winst- en verliesrekening.
Per 31 december 2022 bevat de afdekkingsreserve het effectief gedeelte van de veranderingen in reële waarde van termijnwisselcontracten aangeduid als kasstroomafdekkingen. In de loop van 2022 en 2021 duidde de Groep termijnwisselcontracten aan als kasstroomafdekkingen van het vreemde valutarisico in US dollar met betrekking tot zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen in die respectieve munten voor de volgende 12 maanden. Het deel van de winsten op de termijnwisselcontracten, dat effectief gebleken is (31 december 2022: -2 miljoen euro, na winstbelastingen; 31 december 2021: - 2 miljoen euro, na winstbelastingen), werd geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten na winstbelastingen. Een reconciliatie in tabelvorm van de evolutie van de afdekkingsreserve per type van risico werd toegevoegd in toelichting 21.4 ‘Samenvattende tabel van de afdekkingsreserve’.
Herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen bevatten zowel de impact van de eerste toepassing van de in 2011 doorgevoerde aanpassingen aan IAS 19 alsook van alle daaropvolgende herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen. Herwaarderingen van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregelingen hebben voornamelijk betrekking op actuariële winsten en verliezen en het rendement op fondsbeleggingen, exclusief de bedragen die vervat zitten in interestopbrengsten op de toegezegdpensioenregelingen. De evolutie over het jaar 2022 wordt weergegeven in de volgende tabel:
| MILJOEN EURO | 31 december 2022 | 31 december 2021 |
|---|---|---|
| Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen | ||
| Belastingsimpact | ||
| Toelichting 37 | ||
| Met betrekking tot materiële landen (0.008) | 168 (120) (110) | 168 (120) (110) |
| Met betrekking tot niet-materiële landen (15) | 1 - (18) | 1 - (18) |
| TOTAAL | (11.009) 170 (17) (100) | (11.009) 170 (17) (100) |
De evolutie van het jaar, na winstbelastingen is een stijging van 125 miljoen euro. Uitgestelde belastingen met betrekking tot de herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van de toegezegdpensioenregelingen worden eveneens geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten. Het effect van winstbelastingen wordt toegelicht in toelichting 17.4.
De valutakoersverschillen bevatten zowel de valutakoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van de jaarrekeningen van buitenlandse activiteiten, als de valutakoersverschillen afkomstig uit de omrekening van de verplichting die de netto-investering van de Onderneming in een buitenlandse entiteit afdekt. Tot mei 2016 maakte de Groep gebruik van termijnwisselverrichtingen uitgedrukt in US dollar om het valutarisico met betrekking tot de netto-investering in één van haar dochterondernemingen in de Verenigde Staten af te dekken. Vanaf mei 2016 heeft de Groep de aanwijzing van indekking van een netto-investering ingetrokken. Het effectieve deel van de winst op de afdekkingsinstrumenten dat rechtstreeks in de niet-gerealiseerde resultaten opgenomen werd (Valutakoersverschillen 31 december 2022: 10 miljoen euro, 31 december 2021: 10 miljoen euro), zal vrijvallen in de winst- en verliesrekening op het moment van afstoting of gedeeltelijke afstoting van de buitenlandse entiteit.
In 2021 werd er geen dividend uitbetaald naar aanleiding van de beslissing van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van Agfa-Gevaert NV van 11 mei 2021. In 2022 werd er geen dividend uitbetaald naar aanleiding van de beslissing van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van Agfa-Gevaert NV van 10 mei 2022. Voor 2023 wordt er geen betaling van dividend voorgesteld door de Raad van Bestuur.
Minderheidsbelangen houden een materieel belang aan in negen dochterondernemingen, gesitueerd in Groot-China en de ASEAN-regio (31 december 2022: 40 miljoen euro; 31 december 2021: 52 miljoen euro). In Europa zijn er een paar dochterondernemingen waarin minderheidsbelangen een aandeel aanhouden dat van ondergeschikt belang is voor de Groep (31 december 2022: 1 miljoen euro; 31 december 2021: 1 miljoen euro). Met ingang van 1 september 2010 bundelen Agfa Graphics NV en haar zakenpartner Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. hun activiteiten, gericht op het versterken van de marktpositie van beide partners in Groot-China en de ASEAN-regio. Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. houdt een participatie aan van 49% in Agfa Graphics Asia Ltd., de holding van de gecombineerde activiteiten van beide partijen. De dochterondernemingen van Agfa Graphics Asia Ltd. zijn:
* Agfa (Wuxi) Printing Plate Co., Ltd.
* Agfa ASEAN Sdn. Bhd.
* Agfa Imaging (Shenzhen) Co. Ltd.
* Agfa Singapore Pte. Ltd.
* Agfa Taiwan Co Ltd.
* Agfa Graphics Shanghai Co. Ltd.
* Agfa Pty Ltd.
* OOO Agfa Graphics
* Agfa HuaGuang (Shanghai) Graphics
Op basis van de analyse van de ‘Governance’-structuren die momenteel van kracht zijn, heeft de Groep geoordeeld dat ze controle heeft in de desbetreffende dochterondernemingen. Het geaccumuleerde bedrag toewijsbaar aan de minderheidsbelangen van Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. en Lucky HuaGuang Graphics Co. Ltd. bedraagt 40 miljoen euro per 31 december 2022, inclusief het gealloceerd verlies van 2 miljoen euro dat toebehoort aan de minderheidsbelangen van deze zakenpartners. De volgende tabel geeft de financiële informatie weer voor de dochterondernemingen waarin de zakenpartner, Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd., een minderheidsbelang aanhoudt van 49%, opgesteld in overeenstemming met IFRS. Deze vennootschap werd in 2019 door Agfa Graphics Asia, een onderneming waarin de Groep een belang aanhoudt van 51%, en door Lucky HuaGuang Graphics Co Ltd. samen opgericht. Deze laatste houdt een deelnemingspercentage aan van 49% in deze nieuw opgerichte vennootschap. Dit brengt het minderheidsbelang in deze vennootschap op 73,99%. De informatie is voor intercompany eliminaties met andere ondernemingen van de Agfa-Gevaert Groep.
| MILJOEN EURO | 2022 | 2021 |
|---|---|---|
| Agfa Graphics Asia Ltd. en haar dochterondernemingen (51%) | Agfa HuaGuang Graphics (26.01%) | |
| Vlottende activa | 27 | 25 |
| Vaste activa | 21 | 3 |
| Kortlopende verplichtingen | 25 | 28 |
| Langlopende verplichtingen | 1 | - |
| Netto-activa | ||
| Agfa Graphics Asia Ltd. en haar dochterondernemingen (geconsolideerd) | 23 | 28 |
| Netto-activa toewijsbaar aan minderheidsbelangen in Agfa Graphics Asia Ltd. en haar dochterondernemingen (49%) | 24 | - |
| Netto-activa toewijsbaar aan minderheidsbelangen in Agfa HuaGuang Graphics (73.99%) | - | 2 |
| Opbrengsten | 176 | 173 |
| Winst over het boekjaar | 2 | - |
| Winst over het boekjaar toewijsbaar aan minderheidsbelangen in Agfa Graphics Asia Ltd. en haar dochterondernemingen (49%) | 2 | - |
| Winst over het boekjaar toewijsbaar aan minderheidsbelangen in Agfa HuaGuang Graphics (73.99%) | - | - |
| Niet-gerealiseerde resultaten: valutakoersverschillen | 2 | - |
| Niet-gerealiseerde resultaten toewijsbaar aan minderheidsbelangen in Agfa Graphics Asia Ltd. en haar dochterondernemingen | 1 | (1) |
| Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten toewijsbaar aan minderheidsbelangen in Agfa Graphics Asia Ltd. |
2021
MILJOEN EURO
| Toewijsbaar aan aandeelhouders van de Onderneming | Minderheidsbelangen | TOTAAL OVERIGE NIET- GEREALISEERDE RESULTATEN | Valutakoersverschillen | Afdekkingsreserve | Reële waardereserve | Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen | TOTAAL | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Valutakoersverschillen voor buitenlandse activiteiten | | - | - | - | - | - | - | |
| Eectief deel van veranderingen in de reële waarde van kasstroomafdekkingen geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten, na winstbelastingen | - | | - | - | - | - | - | |
| Nettoverandering in de reële waarde van kasstroomafdekkingen die is overgeboekt naar de winst- en verliesrekening, na winstbelastingen | - | () | - | - | - | - | - | () |
| Eectief deel van de reële waardeveranderingen van kasstroomafdekkingen die getransfereerd werd naar de boekwaarde van het afgedekte aktief, na winstbelastingen | - | () | - | - | - | - | - | () |
| Nettoverandering in de reële waarde van beleggingen verwerkt via de niet-gerealiseerde resultaten | - | - | | - | - | - | - | |
| Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen, na winstbelastingen | - | - | - | - | - | - | | |
| TOTAAL OVERIGE NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | | () | | | | | | |
2022
MILJOEN EURO
| Toewijsbaar aan aandeelhouders van de Onderneming | Minderheidsbelangen | TOTAAL OVERIGE NIET- GEREALISEERDE RESULTATEN | Valutakoersverschillen | Afdekkingsreserve | Reële waardereserve | Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen | TOTAAL | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Valutakoersverschillen voor buitenlandse activiteiten | | - | - | - | - | - | - | |
| Eectief deel van veranderingen in de reële waarde van kasstroomafdekkingen geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten, na winstbelastingen | - | () | - | - | - | - | - | () |
| Nettoverandering in de reële waarde van kasstroomafdekkingen die is overgeboekt naar de winst- en verliesrekening, na winstbelastingen | - | | - | - | - | - | - | |
| Eectief deel van de reële waardeveranderingen van kasstroomafdekkingen die getransfereerd werd naar de boekwaarde van het afgedekte aktief, na winstbelastingen | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Nettoverandering in de reële waarde van beleggingen verwerkt via de niet-gerealiseerde resultaten | - | - | () | - | - | - | - | () |
| Herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen, na winstbelastingen | - | - | - | - | - | - | | |
| TOTAAL OVERIGE NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | | () | | | - | - | | |
MILJOEN EURO
| | | |
|---|---|---|
| Langlopende verplichtingen | | |
| ‘Revolving’-kredietfaciliteit | () | () |
| Verplichtingen uit leaseovereenkomsten | | |
| Kortlopende verplichtingen | | |
| Bankschulden | | |
| Obligatielening | - | - |
| Negatieve banksaldi | - | - |
| Verplichtingen uit leaseovereenkomsten | | |
| TOTAAL RENTEDRAGENDE VERPLICHTINGEN | | |
Op 5 maart 2021 sloot Agfa-Gevaert NV een multi-valuta ‘revolving’-kredietfaciliteit af voor een periode van 3 jaar met een nominale waarde van 230 miljoen euro. Er werden geen waarborgen verstrekt voor de kredietopeningen. Binnen de modaliteiten van de faciliteitsovereenkomst is er een mogelijkheid om de looptijd tweemaal te verlengen met telkens één jaar. In de loop van 2022 werd van deze mogelijkheid gebruik gemaakt om de eindvervaldag te verlengen met één jaar tot maart 2025. In januari 2023 werd er beslist om deze faciliteit met nog eens één jaar te verlengen tot maart 2026. De faciliteit wordt gebruikt voor de financiering van algemene bedrijfsdoeleinden. De intrestvoet van toepassing is de Euribor, Libor of een gelijkaardige benchmark (Reuters) en een marge. Geldopnames onder deze kredietlijn worden gedaan voor korte periodes maar de Groep heeft, onder de bestaande herfinancieringsovereenkomst, de mogelijkheid om de leningen te verlengen voor langere periodes na balansdatum. De voorwaarden van deze kredietfaciliteit stipuleren dat er mogelijks een voorwaarde tot verbreking vervuld zou kunnen zijn ingeval een groot deel van de bedrijfsactiviteiten afgestoten zouden worden. In het licht van de afstoting van de Offset Solutions business heeft de Groep pro-actief een vrijstelling bekomen voor deze potentiële verbrekingsvoorwaarde. Op 31 december 2022 en 2021 waren er geen opnames onder deze faciliteit.
MILJOEN EURO
| Nominaal bedrag | Uitstaand bedrag | Valuta | Intrestvoet | Eindvervaldag |
|---|---|---|---|---|
| | | | | |
| EUR | - | - | - | - |
| TOTAAL | | | - | - |
De Groep gaat leaseverplichtingen aan voor gebouwen (kantoorgebouwen en opslagruimtes), bedrijfswagens en ander transportmateriaal (vorkheftrucks), en overig materiaal zoals computeruitrusting. De leaseverplichtingen voor gebouwen bevatten zowel de jaarlijks vernieuwbare contracten met opties om de lease te vernieuwen als de contracten met looptijden die over een langere periode vastgeklikt zijn. De leaseverplichtingen met betrekking tot gebouwen bedragen 45 miljoen euro zijnde 72% van de totale leaseverplichtingen van de Groep en hebben een gemiddelde resterende looptijd van drie jaar. De leaseverplichtingen met betrekking tot bedrijfswagens lopen over een periode van vier tot vijf jaar en bedragen 26% van de totale leaseverplichtingen van de Groep. Leaseverplichtingen voor overig materiaal bedragen 2% van de totale leaseverplichtingen en betreffen voornamelijk vorkheftrucks, printers, verpakkingsmateriaal, enz.
De leaseverplichtingen hebben volgende eindvervaldagen:
MILJOEN EURO
| Eindvervaldag | Uitstaand bedrag | Impliciete rentevoet van de leaseovereenkomst | Uitstaand bedrag | Impliciete rentevoet van de leaseovereenkomst |
|---|---|---|---|---|
| | | | | |
| < jaar | | ,% | | ,% |
| tussen - jaar | | ,% | | ,% |
| > jaar | | ,% | | ,% |
| TOTAAL | | |
De leaseverplichtingen omvatten geen kosten met betrekking tot leasecontracten met een lage waarde, met betrekking tot leasecontracten met een looptijd van minder dan 12 maanden en overige kosten die buiten de omvang van de standaard vallen. Deze kosten bedragen 11 miljoen euro (2021: 9 miljoen euro).
Bankschulden per 31 december 2022 bevatten kortlopende rentedragende verplichtingen voornamelijk in landen van Latijns-Amerika en ASPAC met een gewogen gemiddelde interestvoet van 6,36% (2021: 16,6%).
De tabel detailleert veranderingen in verplichtingen uit financieringsactiviteiten in kasstromen uit financieringsactiviteiten en niet-kasbewegingen. Verplichtingen uit financieringsactiviteiten betreffen verplichtingen waarvan de kasstromen geclassificeerd zijn of zullen worden in kasstromen uit financieringsactiviteiten in het geconsolideerde kasstroomoverzicht.
MILJOEN EURO
| Boekwaarde per 1 januari 2021 | Kasstromen uit Financieringsactiviteiten | Niet-kasbewegingen | Impact van valuta- koersverschillen | Herwaardering van lease- overeenkomsten | Financieringslasten op rentedragende verplichtingen | Overnames | Boekwaarde per 31 december 2021 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| ‘Revolving’-kredietfaciliteit | () | - | - | - | - | - | - | () |
| Bankschulden | | () | | - | - | - | | |
| Obligatielening | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Verplichtingen uit leaseovereenkomsten | | () | () | | - | () | | |
| Negatieve banksaldi | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Totaal rentedragende verplichtingen | | () | () | | - | () | | |
(1) Bevat betaalde rente (2 miljoen euro).
(2) Betaalde interesten uit het kasstroomoverzicht omvatten betaalde interesten op de netto financiële schuld (3 miljoen euro) en betaalde intresten op kasmiddelen en kasequivalenten (1 miljoen euro).
De voorzieningen bedroegen 50 miljoen euro op 31 december 2022 (2021: 54 miljoen euro).
MILJOEN EURO
| Milieu- voorzieningen | Omzet gerelateerde voorzieningen | Herstructureringen | Overige | TOTAAL | |
|---|---|---|---|---|---|
| Voorzieningen per 31 december 2021 | | | | | |
| Voorzieningen aangelegd in de loop van het boekjaar | - | - | | | |
| Aanwending van voorzieningen in de loop van het boekjaar | () | () | () | () | () |
| Afstotingen | - | - | () | - | () |
| Terugname van voorzieningen in de loop van het boekjaar | - | () | () | - | () |
| Valutakoersverschillen | - | - | - | - | - |
| Overboekingen | - | - | - | - | - |
| Voorzieningen per 31 december 2022 | | | | | |
De voorzieningen met betrekking tot milieubescherming dekken toekomstige aanpassingswerken van terreinen en de sanering van bodems die zijn verontreinigd door vroegere industriële activiteiten. Opbrengstgerelateerde voorzieningen op balansdatum evenals de bijhorende bewegingen in de loop van het boekjaar omvatten voornamelijk voorzieningen wegens commissies betaalbaar aan agenten, voorzieningen voor garantieverplichtingen en commerciële betwistingen. Voorzieningen voor herstructureringen omvatten voornamelijk ontslagvergoedingen voor het personeel met betrekking tot de aangekondigde reorganisaties en transformatieprojecten. Het merendeel van de voorzieningen aangelegd in de loop van het boekjaar hebben betrekking op kosten in verband met specifieke kostenbesparende maatregelen in Finance alsook in de divisies Radiology Solutions en Digital Print & Chemicals, kosten met betrekking tot een vrijwillig vertrekplan voor 60+ werknemers in België en individuele efficiëntie initiatieven. Andere voorzieningen omvatten een provisie voor de ontmanteling van een fabriek voor drukvoorbereidingssystemen in Duitsland, voorzieningen voor rechtszaken (inclusief advocatenkosten) en een voorziening in verband met betwistingen over invoerrechten .# OVERIGE TE BETALEN POSTEN
De overige te betalen posten, op 31 december 2022, bedragen 6 miljoen euro (2021: 9 miljoen euro) en omvatten een financiële verplichting gewaardeerd aan reële waarde met waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening (2022: 2 miljoen euro; 2021: 2 miljoen euro) zijnde een deposito van 3,4 ton zilver geplaatst bij een firma van metaalherwinning en raffi- nage, gewaardeerd aan de genoteerde marktprijs, verplichtingen verbonden aan op aandelen gebaseerde betalingen (toelichting 15), tantièmes, verzekeringen, financiële leases en verplichtingen aan het personeel wegens compensaties voor door hen gemaakte reis- en andere kosten en overige te betalen posten.
De overige verplichtingen, kortlopend en langlopend op 31 december 2022, bedragen 1 miljoen euro (2021: minder dan 0,5 miljoen euro) en omvatten voornamelijk het onverdiende deel van overheidstoelagen en subsidies en overige kort-lopende verrichtingen.
De moedermaatschappij van de Groep, Agfa-Gevaert NV (BE 0404 021 727), Mortsel (België), is de moedermaatschappij van de volgende belangrijke dochterondernemingen:
Geconsolideerde ondernemingen per 31 december 2022
| Naam van de onderneming | Locatie | Deelnemings-% |
|---|---|---|
| Agfa (Pty.) Ltd. | Isando/Republiek Zuid-Afrika | 85 |
| Agfa (Wuxi) Imaging Co., Ltd. | Wuxi/Volksrepubliek China | 90,5 |
| Agfa (Wuxi) Printing Plate Co. Ltd. | Wuxi/Volksrepubliek China | 85 |
| Agfa ASEAN Sdn. Bhd. | Kuala Lumpur/Maleisië | 85 |
| Agfa Corporation | Elmwood Park/Verenigde Staten van Amerika | 100 |
| Agfa de Mexico S.A. de C.V. | Mexico D.F./Mexico | 100 |
| Agfa Finance Corp. | Wilmington/Verenigde Staten van Amerika | 100 |
| Agfa Finance Inc. | Toronto/Canada | 100 |
| Agfa Finance Italy SpA | Milaan/Italië | 100 |
| Agfa Finance NV | Mortsel/België | 100 |
| Agfa Graphics Argentina S.A. | Buenos Aires/Argentinië | 100 |
| Agfa Graphics Asia Ltd. | Hong Kong/Volksrepubliek China | 85 |
| Agfa Graphics Ecuador CIA. LTDA | Quito/Ecuador | 100 |
| Agfa Graphics Ltd. | Leeds/Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Agfa Middle East FCZO | Dubai/Ver. Arabische Emiraten | 100 |
| Agfa NV | Mortsel/België | 100 |
| Agfa Graphics S.r.l. | Milaan/Italië | 100 |
| Agfa S.A. (Arg) | Buenos Aires/Argentinië | 100 |
| Agfa HealthCare Australia Pty. Ltd. | Scoresby/Australië | 100 |
| Agfa Do Brasil | Ltda. Sao Paulo/Brazilië | 100 |
| Agfa HealthCare Chile Ltda. | Santiago de Chile/Chili | 100 |
| Agfa HealthCare Colombia Ltda. | Bogota/Colombië | 100 |
| Agfa HealthCare Corporation | Greenville/Verenigde Staten van Amerika | 100 |
| Agfa HealthCare Denmark A/S | Kopenhagen/Denemarken | 100 |
| Agfa HealthCare Germany GmbH | Düsseldorf/Duitsland | 100 |
| Agfa HealthCare Hong Kong Ltd. | Hong Kong/Volksrepubliek China | 100 |
| Agfa HealthCare Inc. | Mississauga/Canada | 100 |
| Agfa HealthCare India Private Ltd. | Thane/Indië | 100 |
| Agfa HealthCare Luxembourg S.A. | Bertrange/Luxemburg | 100 |
| Agfa HealthCare Malaysia Sdn. Bhd. | Kuala Lumpur/Maleisië | 100 |
| Agfa HealthCare Mexico S.A. de C.V. | Mexico D.F./Mexico | 100 |
| Agfa HealthCare Norway AS | Oslo/Noorwegen | 100 |
| Agfa HealthCare NV | Mortsel/België | 100 |
| Agfa HealthCare Saudi Arabia Company Limited LLC | Riyadh/Saoedi-Arabië | 100 |
| Agfa HealthCare (Shanghai) Co Ltd. | Shanghai/Volksrepubliek China | 100 |
| Agfa HealthCare Singapore Pte. Ltd. | Singapore/Republiek Singapore | 100 |
| Agfa HealthCare South Africa Pty. Ltd. | Gauteng/Republiek Zuid-Afrika | 100 |
| Agfa HealthCare Spain S.A.U. | Barcelona/Spanje | 100 |
| Agfa HealthCare Sweden AB | Kista/Zweden | 100 |
| Agfa HealthCare UK Limited | Brentford/Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Agfa Imaging (Shenzhen) Co. Ltd. | Shenzhen/Volksrepubliek China | 85 |
| Agfa Inc. | Mississauga/Canada | 100 |
| Agfa Industries Korea Ltd. | Seoul/Korea | 100 |
| Agfa Ltd. | Dublin/Ierland | 100 |
| Agfa Materials Corporation | Wilmington/Verenigde Staten van Amerika | 100 |
| Agfa Materials Japan Ltd. | Tokyo/Japan | 100 |
| Agfa Materials Taiwan Co. Ltd. | Taipei/Taiwan | 100 |
| Agfa Singapore Pte. Ltd. | Singapore/Republiek Singapore | 85 |
| Agfa Solutions SAS | Rueil-Malmaison/Frankrijk | 100 |
| Agfa Sp. z.o.o. | Warschau/Polen | 100 |
| Agfa Taiwan Co. Ltd. | Taipei/Taiwan | 85 |
| Agfa-Gevaert M.A.E.B.E. | Athene/Griekenland | 100 |
| Agfa GmbH | Düsseldorf/Duitsland | 100 |
| Agfa-Gevaert Argentina S.A. | Buenos Aires/Argentinië | 100 |
| Agfa-Gevaert B.V. | Rijswijk/Nederland | 100 |
| Agfa-Gevaert Colombia Ltda. | Bogota/Colombië | 100 |
| Agfa-Gevaert do Brasil Ltda. | Sao Paulo/Brazilië | 100 |
| Agfa-Gevaert Graphic Systems GmbH | Düsseldorf/Duitsland | 100 |
| Agfa-Gevaert HealthCare GmbH | Düsseldorf/Duitsland | 100 |
| Agfa-Gevaert Japan Ltd. | Tokyo/Japan | 100 |
| Agfa-Gevaert Limited | Scoresby/Australië | 100 |
| Agfa-Gevaert Limited | Brentford/Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Agfa-Gevaert Ltda. | Santiago De Chile/Chili | 100 |
| Agfa-Gevaert GmbH | Düsseldorf/Duitsland | 100 |
| Agfa-Gevaert NZ Ltd. | Auckland/Nieuw-Zeeland | 100 |
| Agfa-Gevaert S.A.S. | Pont-à-Marcq/Frankrijk | 100 |
| Agfa-Gevaert S.p.A. | Milaan/Italië | 100 |
| Lastra Attrezzature S.r.l. | Manerbio/Italië | 70 |
| Litho Supplies (UK) Ltd. | Derby/Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Luithagen NV | Mortsel/België | 100 |
| New ProImage America Inc. | Princeton/Verenigde Staten van Amerika | 100 |
| New ProImage Ltd. | Netanya/Israël | 100 |
| OOO Agfa Graphics | Moskou/Russische Federatie | 85 |
| OOO Agfa | Moskou/Russische Federatie | 100 |
| Agfa HealthCare Kazakhstan LLP | Almaty/Republiek Kazakhstan | 100 |
| Agfa HealthCare Ukraine LLC | Kyiv/Ukraine | 100 |
| PT Gevaert-Agfa HealthCare Indonesia | Jakarta/Indonesië | 100 |
| Bodoni Systems | Watford/Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Agfa HealthCare Middle East FZ-LLC | Dubai/Verenigde Arabische Emiraten | 100 |
| Agfa HealthCare IT UK Limited | Middlesex/Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Agfa South Africa (Pty) Ltd. | Gauteng/Republiek Zuid-Afrika | 100 |
| Agfa Australia Pty Ltd. | Scoresby/Australië | 100 |
| Agfa Canada Inc. | Mississauga/Canada | 100 |
| Agfa US Corp. | Greenville/Verenigde Staten van Amerika | 100 |
| Agfa Graphics Shanghai Co. Ltd. | Shanghai/Volksrepubliek China | 85 |
| Agfa HealthCare IT (Shanghai) Co. Ltd. | Shanghai/Volksrepubliek China | 100 |
| Agfa Hong Kong Ltd. | Hong Kong/Volksrepubliek China | 100 |
| Agfa HealthCare Vietnam Co. Ltd. | Ho Chi Minh City/Vietnam | 100 |
| Agfa HuaGuang (Shanghai) Graphics Equipment Ltd. | Shanghai/Volksrepubliek China | 70,30 |
| Agfa Materials Korea Co Ltd. | Seoul/Korea | 100 |
| Agfa Ré S.A. | Luxemburg/Luxemburg | 100 |
| Agfa Oset Colombia S.A.S. | Bogota/Colombië | 100 |
| Agfa Oset BV | Mortsel/België | 100 |
| Agfa Oset US Corp. | Delaware/Verenigde Staten van Amerika | 100 |
| Agfa Oset Canada Inc. | Mississauga/Canada | 100 |
| Agfa Oset Single Member S.A. | Athene/Griekenland | 100 |
| Inca Digital Printers | Cambridge/Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Agfa IJC | Cambridge/Verenigd Koninkrijk | 100 |
| Agfa Alterssicherungs-AG | Düsseldorf/Duitsland | 100 |
Geassocieerde deelnemingen per 31 december 2022
| Naam van de onderneming | Locatie | Deelnemings-% |
|---|---|---|
| Penny Black BV | Antwerpen/België | 25,10 |
Binnen het segment HealthCare IT biedt de Groep diensten aan onder een ‘Software as a service’-model (‘Saas’). Dit zijn mo- dellen waarbij hardware, software en diensten aangeboden worden aan klanten op basis van een betaal-per-gebruik systeem of op basis van een maandelijkse of jaarlijkse fee. Deze modellen worden aangeboden ofwel ter plekke bij de klant, ofwel vanop afstand of een combinatie van beide. De Groep garandeert het beheer van het systeem over de contractuele periode en biedt dagelijks onderhoud, ondersteuning en technische handelingen aan de klanten aan. Deze contracten kunnen een operationele leasecomponent bevatten. De lease-inkomsten gerelateerd aan deze component bedroegen 14 miljoen euro in 2022 (2021: 12 miljoen euro) en werden in ‘Opbrengsten’ erkend op basis van het gebruik of consumptie door de klant. De Groep biedt tevens ‘bundle deals’ aan, zijnde contracten waarbij apparatuur ge-financierd wordt door een verhoogde prijs op consumptiegoederen. Deze contracten kunnen een operationele leasecomponent bevatten. De lease-inkomsten gerelateerd aan deze component worden in ‘Opbrengsten’ erkend op basis van de aankoop van de consumptiegoederen. Het totaal van activa in operationele leasecontracten op de geconsolideerde balans bedragen 4 miljoen euro per 31 decem- ber 2022 (31 december 2021: 6 miljoen euro) (zie toelichting 28).
De voorwaardelijke verplichtingen vloeiden volledig voort uit verbintenissen aan derden gegeven en omvatten:
| MILJOEN EURO | 2022 | 2021 |
|---|---|---|
| Bankgaranties | 25 | 27 |
| Overige | - | - |
| Bedrijfsgaranties | 100 | 100 |
| TOTAAL | 125 | 127 |
Bedrijfsgaranties betreffen door de Onderneming gegeven garanties namens haar dochtervennootschappen aan banken en hebben voornamelijk betrekking op de ‘revolving’-kredietfaciliteit (zie toelichting 38.1) en andere genegocieerde kredietlijnen. Er zijn geen aankoopverplichtingen in het kader van belangrijke investeringsprojecten waarvoor de respectieve contracten al werden toegekend of de orders werden geplaatst.
De Groep is momenteel niet betrokken in een of ander groot geschil, met uitzondering van het geschil in verband met de insolvabiliteit van AgfaPhoto.
AgfaPhoto
In verband met de verkoop van de Consumer Imaging-activiteiten van (toenmalige) Agfa-Gevaert AG en van sommige van haar (toenmalige) dochtervennootschappen had de Groep diverse contractuele relaties afgesloten met AgfaPhoto Holding GmbH, AgfaPhoto GmbH en hun dochtervennootschappen in verschillende landen (de AgfaPhoto Groep). Daarbij werd voorzien in de overdracht van haar Consumer Imaging activiteiten, inbegrepen activa, verplichtingen, contracten en perso- neel naar de vennootschappen behorende tot de AgfaPhoto Groep. Na de verkoop werd een aanvraag tot faillissement ingediend door AgfaPhoto GmbH en een aantal van haar dochterven- nootschappen zowel in Duitsland als in andere landen. In verschillende landen werden gerechtelijke procedures tegen de Groep ingespannen. Deze procedures zijn intussen afgesloten, met uitzondering van het volgende geschil.## INFORMATIEVERSCHAFFING OVER VERBONDEN PARTIJEN
Het totaal van de beloningen voor managers op sleutelposities (exclusief patronale sociale bijdragen) opgenomen in de winst- en verliesrekening bedraagt:
| MILJOEN EURO | 2022 | 2021 |
|---|---|---|
| Bestuurders | ||
| Executive Management | ||
| Kortlopende personeelsbeloningen | 2,8 | 2,8 |
| Ontslagvergoedingen | - | - |
| Vergoedingen na uitdiensttreding | - | 2,3 |
| Op aandelen gebaseerde betalingen | - | 2,7 |
| TOTAAL | 2,8 | 5,8 |
Op 31 december 2022 waren er geen uitstaande leningen ten behoeve van managers op sleutelposities. De verplichtingen voor vergoedingen na uitdiensttreding voor de leden en de gepensioneerde leden van het Executive Management, opgenomen in de geconsolideerde balans op 31 december 2022, bedragen 11 miljoen euro. Het totaal van de beloningen voor managers op sleutelposities is ook inbegrepen in het Remuneratieverslag (zie p. 291-296).
Transacties met verwante partijen betreffen voornamelijk handelstransacties. De Groep en haar zakenpartner Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. hebben hun activiteiten gebundeld vanaf 2010, gericht op het versterken van de marktpositie van beide partners in Groot-China en de ASEAN-regio. Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. heeft een participatie van 49% in Agfa Graphics Asia Ltd., de holding van de gecombineerde activiteiten van beide partijen. In de loop van 2019 transfereerde de Groep twee dochtervennootschappen naar Agfa Graphics Asia Ltd. In 2019 richtte Agfa Graphics Asia Ltd. een nieuwe vennootschap op, Agfa HuaGuang (Shanghai) Graphics, waarin Lucky HuaGuang Graphics Co. Ltd. een aandeel van 49% heeft. Deze strategische alliantie moet beide partners toelaten groei te realiseren door optimalisering van hun sterktes met betrekking tot productie, technologie en distributie van offset-producten en -diensten. Zie ook toelichting 37.8 ‘Minderheidsbelangen’.
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de transactiewaarde en het openstaand saldo tussen de Groep en haar verbonden partijen Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. en Lucky HuaGuang Graphics Co. Ltd. In de loop van 2022 verwierf Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. een dividend van 10 miljoen euro (49%). In de loop van 2022 werd aan Lucky HuaGuang Graphics Co. Ltd. een dividend ten belope van 1 miljoen Euro uitbetaald.
| MILJOEN EURO | 2022 | 2021 | 2022 | 2021 |
|---|---|---|---|---|
| Transactiewaarde per jaareinde | Openstaand saldo per jaareinde | |||
| Verkopen aan Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. | 17 | 35 | 21 | 16 |
| Verkopen aan Lucky HuaGuang Graphics Co. Ltd. | 23 | 26 | 3 | 3 |
| Aankopen van Shenzhen Brother Gao Deng Investment Group Co. Ltd. | 28 | 19 | 1 | 1 |
| Aankopen van Lucky HuaGuang Graphics Co. Ltd. | 179 | 170 | 19 | 19 |
| Dividend | 10 | 11 | - | - |
| Voorschot | - | - | 12 | 7 |
Voorschotten met een openstaand saldo van 7 miljoen euro betreffen leveranciersvoorschotten aan ondernemingen van de Shenzhen Brother Gao Deng Group voor wiens rekening de filmconversie plaatsvindt en via wie ook aluminium wordt aangekocht. Dit voorschot met een openstaand saldo van 7 miljoen euro wordt terugbetaald op basis van toekomstige filmvolumes geleverd aan Agfa Graphics Asia Ltd. In de geconsolideerde balans van de Groep wordt dit voorschot gerapporteerd als ‘Overige activa’ (zie toelichting 36).
Er zijn geen gebeurtenissen na 31 december 2022.
De honoraria met betrekking tot audit en aan audit gerelateerde prestaties geleverd door KPMG Bedrijfsrevisoren en zijn netwerk kan als volgt gedetailleerd worden:
| EURO | 2022 | 2021 |
|---|---|---|
| Bezoldiging van de commissaris voor de uitoefening van een mandaat van commissaris voor de Vennootschap en de Groep (België) | 172.374 | 147.974 |
| Bezoldiging van de commissaris voor uitzonderlijke werkzaamheden of bijzondere opdrachten uitgevoerd voor de Vennootschap en de Groep | ||
| Andere controle | 18.068 | 10.010 |
| Belastingadvies | - | - |
| Andere opdrachten buiten de revisorale | - | - |
| SUBTOTAAL | 190.442 | 157.984 |
| Bezoldigingen van personen met wie de commissaris verbonden is voor de uitoefening van een mandaat van commissaris voor de Groep (Buitenlandse vennootschappen) | 192.777 | 151.475 |
| Bezoldiging van personen met wie de commissaris verbonden is voor uitzonderlijke werkzaamheden of bijzondere opdrachten uitgevoerd voor de Groep (België en buitenlandse vennootschappen) | ||
| Andere controle | 18.000 | 18.070 |
| Belastingadvies | 57.657 | 315.835 |
| Andere opdrachten buiten de revisorale | 358.177 | 202.088 |
| SUBTOTAAL | 526.611 | 687.468 |
| TOTAAL | 717.053 | 845.452 |
De honoraria voor de audit van de financiële staten bevatten honoraria voor de audit van de geconsolideerde jaarrekening alsook de honoraria voor de audit van de financiële staten van dochterondernemingen in België en in het buitenland. De andere opdrachten buiten de revisorale omvatten adviesverlening in het kader van speciale opdrachten.
De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld op basis van historische kostprijs, met uitzondering van de volgende van materieel belang zijnde balansposten:
Bedrijfscombinaties worden verwerkt op basis van de overnamemethode op overnamedatum, zijnde de datum waarop de zeggenschap overgaat naar de Groep. De Groep heeft zeggenschap over een entiteit indien zij op basis van haar betrokkenheid bij de entiteit is blootgesteld aan, dan wel recht heeft op, variabele rendementen en de mogelijkheid heeft die rendementen te beïnvloeden aan de hand van haar zeggenschap over de entiteit. Goodwill wordt niet afgeschreven maar op bijzondere waardevermindering getoetst, op jaarlijkse basis en telkens er een aanwijzing bestaat dat de kasstroomgenererende eenheid waaraan goodwill werd toegerekend mogelijk een bijzondere waardevermindering heeft ondergaan. Het onderzoek van kasstroomgenererende eenheden op bijzondere waardevermindering wordt toegelicht in een daartoe voorziene rubriek van deze grondslagen. Goodwill wordt gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Voor geassocieerde deelnemingen wordt het bedrag van de goodwill opgenomen in de boekwaarde van de investering.# De Groep waardeert de goodwill op overnamedatum als volgt:
* het totaal van de reële waarde van de overgedragen vergoeding; en
* het bedrag van enig minderheidsbelang in de overgenomen partij en in een bedrijfscombinatie die in verschillende fasen wordt gerealiseerd, de reële waarde op de overnamedatum van het voorheen aangehouden aandelenbelang van de overnemende partij in de overgenomen partij; verminderd met
* het nettosaldo van de verworven identificeerbare activa en overgenomen verplichtingen.
Indien het belang van de Groep in de netto reële waarde van de identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen, de kostprijs van de bedrijfscombinatie overtreft, wordt dit surplus onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Voorwaardelijke te betalen vergoedingen worden opgenomen in de balans aan reële waarde op overnamedatum. Wijzigingen aan de reële waarde van voorwaardelijke te betalen vergoedingen, welke in de balans als verplichting zijn opgenomen, worden verwerkt via de winst- en verliesrekening. Overnamekosten worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening geboekt.
Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een onderdeel van het bedrijf van de Groep, de activiteiten en kasstromen die duidelijk onderscheiden kunnen worden van de rest van de Groep en die
* een belangrijk te onderscheiden onderdeel van de activiteiten vertegenwoordigen of een belangrijke geografische regio;
* deel uitmaken van een gecoördineerd plan om een onderscheiden deel van de activiteiten of een geografische regio af te stoten;
* een dochteronderneming is enkel verworven met het oog op de wederverkoop.
De classificatie als beëindigde bedrijfsactiviteiten gebeurt op de vroegste datum van ofwel afstoting ofwel het moment dat de activiteiten voldoen aan de voorwaarden om geclassificeerd te worden als aangehouden voor verkoop. Ingeval dat de activiteiten geclassificeerd worden als beëindigde bedrijfsactiviteiten, dan worden de vergelijkende staten van de winst- en verliesrekening en de niet-gerealiseerde resultaten herwerkt alsof de activiteiten reeds beëindigd werden van bij de aanvang van de vergelijkende periode.
Minderheidsbelangen worden gewaardeerd tegen het proportionele aandeel in de netto-identificeerbare activa van de verworven partij op overnamedatum. Veranderingen in het aandeel van de Groep in een dochteronderneming die niet leiden tot verlies van zeggenschap worden verwerkt als eigenvermogenstransacties. Bij verlies van zeggenschap worden alle activa en verplichtingen uitgeboekt inclusief de minderheidsbelangen en andere componenten van het eigen vermogen. De resulterende winst of verlies wordt erkend in de winst- en verliesrekening. Enig aangehouden belang wordt gewaardeerd aan reële waarde wanneer er geen controle meer is.
Dochterondernemingen zijn deze entiteiten waarover de Groep zeggenschap uitoefent. De Groep heeft zeggenschap over een entiteit indien zij op basis van haar betrokkenheid bij de entiteit is blootgesteld aan, dan wel recht heeft op, variabele rendementen en de mogelijkheid heeft die rendementen te beïnvloeden aan de hand van haar zeggenschap over de entiteit. De jaarrekeningen van de dochterondernemingen worden in de consolidatiekring opgenomen vanaf de datum van verwerving tot het einde van de zeggenschap.
Wijzigingen in het eigendomsbelang van een moedermaatschappij in een dochteronderneming die niet tot een verlies van zeggenschap leiden, worden verwerkt als eigenvermogens-transacties (d.w.z. transacties van aandeelhouders in hun hoedanigheid van eigenaar). In dergelijke omstandigheden moeten de boekwaarden van de meerderheids- en minderheidsbelangen worden aangepast om de wijzigingen in hun relatieve belangen in de dochteronderneming weer te geven. Aanpassingen aan minderheidsbelangen, als gevolg van verrichtingen die niet leiden tot een verlies van zeggenschap, zijn gebaseerd op een proportioneel aandeel in het nettoactief van de dochteronderneming. Elk eventueel verschil tussen het bedrag waarmee de minderheidsbelangen worden aangepast en de reële waarde van de ontvangen of betaalde vergoeding, moet rechtstreeks in het eigen vermogen worden verwerkt en aan de aandeelhouders van de moedermaatschappij worden toegewezen.
Wanneer een moedermaatschappij de zeggenschap over een dochteronderneming verliest, neemt ze op de datum waarop ze de zeggenschap verliest de boekwaarde van de activa en verplichtingen van de dochteronderneming evenals de boekwaarde van minderheidsbelangen in de voormalige dochteronderneming (met inbegrip van aan die minderheidsbelangen toerekenbare componenten van niet-gerealiseerde resultaten) niet langer in de balans op. Elk verschil dat voortvloeit uit een verlies van zeggenschap wordt als een winst of verlies opgenomen. Elke investering die de Groep aanhoudt in de voormalige dochteronderneming wordt opgenomen aan reële waarde op de datum van verlies van zeggenschap. Na eerste opname wordt de investering, afhankelijk van het deelnemingspercentage, verwerkt volgens de ‘equity’-methode of als een financieel actief.
Een geassocieerde deelneming is een entiteit waarin de Onderneming invloed van betekenis heeft en die geen dochteronderneming of belang in een joint venture is. Als de Onderneming tussen 20% en 50% van de stemrechten van de deelneming aanhoudt, wordt verondersteld dat de Onderneming invloed van betekenis heeft. Volgens de ‘equity’-methode wordt de investering in een geassocieerde deelneming bij eerste opname gewaardeerd aan de kostprijs. De kostprijs van de investering omvat transactiekosten. Een investering in een geassocieerde deelneming wordt verwerkt volgens de ‘equity’-methode vanaf de datum waarop de investering een geassocieerde deelneming wordt. Bij de verwerving van de investering wordt een eventueel verschil tussen de kostprijs van de investering en het aandeel van de Onderneming in de netto reële waarde van de identificeerbare activa en verplichtingen van de geassocieerde deelneming als volgt verwerkt:
* goodwill die betrekking heeft op een geassocieerde deelneming wordt opgenomen in de boekwaarde van de investering;
* elk surplus van het aandeel van de investeerder in de netto reële waarde van de identificeerbare activa en verplichtingen van de geassocieerde deelneming ten opzichte van de kostprijs van de investering wordt als bate opgenomen bij de bepaling van het aandeel van de investeerder in de winst of het verlies van de geassocieerde deelneming tijdens de periode waarin de investering is verworven.
Winsten en verliezen die voortvloeien uit ‘upstream’- en ‘downstream’-transacties tussen de Onderneming (met inbegrip van zijn geconsolideerde dochterondernemingen) en een geassocieerde deelneming worden alleen in de jaarrekening van de Onderneming geëlimineerd ten belope van het belang van de Onderneming in de geassocieerde deelneming. Een voorbeeld van een ‘upstream’-transactie is de verkoop van activa van een geassocieerde deelneming aan de Onderneming. Een voorbeeld van een ‘downstream’-transactie is de verkoop van activa van de Onderneming aan een geassocieerde deelneming.
Vanaf de datum waarop de Onderneming invloed van betekenis over de geassocieerde deelneming verliest, wordt betreffende investering verwerkt conform IFRS 9. Bij verlies van invloed van betekenis waardeert de Onderneming de investering in voormalige geassocieerde deelneming aan de reële waarde. De Onderneming erkent in de winst- en verliesrekening alle verschillen tussen:
* de reële waarde van de overblijvende investering en de inkomsten uit de vervreemding van het belang in de geassocieerde deelneming; en
* de boekwaarde van de investering op de datum waarop de Onderneming zijn invloed van betekenis verliest.
De bedragen opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten met betrekking tot geassocieerde deelnemingen worden op dezelfde basis verwerkt alsof de geassocieerde onderneming de desbetreffende activa en verplichtingen zelf gedesinvesteerd zou hebben.
Een gezamenlijke overeenkomst is een overeenkomst waarover twee of meerdere partijen gezamenlijk zeggenschap uitoefenen. Gezamenlijk zeggenschap over een overeenkomst bestaat alleen wanneer contractueel is vastgesteld dat beslissingen over relevante activiteiten met unanimiteit van de betrokken partijen kunnen worden genomen. Afhankelijk van de rechten en verplichtingen van de betrokken partijen wordt een gezamenlijke overeenkomst geclassificeerd als een activiteit waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend of als een joint venture.
Een activiteit waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend, betreft een overeenkomst waarbij de partijen gezamenlijk rechten hebben op de activa van de overeenkomst en verplichtingen uit hoofde van de schulden van de overeenkomst. De geconsolideerde jaarrekening omvat de activa waarover de Groep zeggenschap uitoefent en de verplichtingen die de Groep aangaat bij de uitvoering van de gezamenlijke activiteit, evenals de kosten die de Groep maakt en het aandeel van de opbrengsten dat de Groep met de gezamenlijke activiteit verdient.
Een joint venture is een overeenkomst waarover de Groep gezamenlijke zeggenschap uitoefent, waardoor de Groep rechten heeft op de nettoactiva van de overeenkomst.De Groep neemt zijn belang op in een entiteit waarover gezamenlijk de zeggenschap wordt uitgeoefend volgens de ‘equity’ - methode (zie toelichting 50.1.6).
Alle intragroepsaldi en -transacties, met inbegrip van niet-gerealiseerde resultaten op intragroeptransacties en -dividenden, worden bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening geëlimineerd. Niet-gerealiseerde winsten en verliezen uit transacties binnen de Groep die zijn opgenomen in de activa, zoals voorraden en vaste activa, worden volledig geëlimineerd. Niet-gerealiseerde winsten uit transacties met geassocieerde deelnemingen worden geëlimineerd naar ratio van het belang dat de Groep in de entiteit heeft. Niet-gerealiseerde verliezen worden op dezelfde wijze geëlimineerd als niet-gerealiseerde winsten, maar alleen voor zover er geen aanwijzing is voor een bijzondere waardevermindering.
Elementen opgenomen in de jaarrekening van de entiteiten van de Groep worden gewaardeerd in de valuta van de primaire economische omgeving waarin de entiteit actief is (de functionele valuta). De geconsolideerde jaarrekening wordt voorgesteld in euro die de functionele valuta en presentatievaluta van de Onderneming is.
Alle verrichtingen in andere dan de functionele valuta zijn verrichtingen in vreemde valuta. Verrichtingen in vreemde valuta worden omgerekend in de functionele valuta op basis van de wisselkoers die geldt op de transactiedatum. Valutakoersverschillen als gevolg van de afwikkeling van dergelijke verrichtingen en van de omrekening van monetaire activa en verplichtingen uitgedrukt in vreemde valuta aan slotkoers worden in de winst- en verliesrekening opgenomen. Echter de vreemde valutakoersresultaten die voortvloeien uit de volgende transacties worden erkend in de niet-gerealiseerde resultaten:
Niet-monetaire posten die in vreemde valuta worden uitgedrukt en tegen historische kostprijs worden gewaardeerd, worden omgerekend op basis van de wisselkoers die geldt op de transactiedatum.
Een buitenlandse activiteit is een entiteit die een dochteronderneming, geassocieerde deelneming, joint venture of filiaal van de verslaggevende entiteit is en waarvan de activiteiten zijn gebaseerd of worden uitgevoerd in een andere valuta dan euro.
De resultaten en financiële positie van al de groepsondernemingen worden voor consolidatiedoeleinden omgerekend in de presentatievaluta op de volgende wijze:
Alle resulterende valutakoersverschillen worden als een afzonderlijke component in het eigen vermogen onder ‘Valutakoersverschillen’ opgenomen. Het bedrag dat toewijsbaar is aan minderheidsbelangen wordt opgenomen als deel van de minderheidsbelangen.
Bij het afstoten van een buitenlandse activiteit moet het cumulatieve bedrag van de valutakoersverschillen dat verband houdt met die buitenlandse activiteit, opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten en verwerkt in de afzonderlijke component van het eigen vermogen, worden overgeboekt van het eigen vermogen naar de winst- en verliesrekening (als een herclassificatie-aanpassing) op het ogenblik dat de winst of het verlies op de afstoting wordt opgenomen.
Bij gedeeltelijke afstoting van een dochteronderneming die een buitenlandse activiteit omvat, moet de entiteit het evenredige deel van het cumulatieve bedrag van de valutakoersverschillen, opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten, toewijzen aan de minderheidsbelangen in die buitenlandse activiteit.
Bij elke andere gedeeltelijke afstoting van een buitenlandse activiteit moet de entiteit alleen het evenredig deel van het cumulatieve bedrag van de valutakoersverschillen, opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten, overboeken naar de winst- en verliesrekening.
Elke vermindering van het belang in een buitenlandse activiteit wordt beschouwd als een gedeeltelijke afstoting van een buitenlandse activiteit, met uitzondering van verminderingen die leiden tot:
Deze gedeeltelijke afnamen van belangen in buitenlandse activiteiten worden administratief verwerkt als afstotingen wat leidt tot een herclassificatie-aanpassing van de valutakoersverschillen op deze buitenlandse activiteiten, opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten, naar de winst- en verliesrekening.
Opbrengsten uit contracten met klanten worden erkend volgens de principes zoals gestipuleerd in IFRS 15 Opbrengsten uit contracten met klanten. Deze standaard introduceert een vijfstappen aanpak in de bepaling van de methode voor het boeken van opbrengsten: als eerste stap dient het contract met de klant geïdentificeerd te worden, nadien dienen de prestatieverplichtingen in het contract bepaald te worden, in een derde stap dient de transactieprijs bepaald te worden, nadien wordt de transactieprijs toegewezen aan de prestatieverplichtingen in het contract en als laatste stap worden de opbrengsten geboekt wanneer de entiteit een prestatieverplichting vervult. De standaard bepaalt tevens dat de opbrengsten dienen geboekt te worden op een bepaald moment of gespreid over een bepaalde periode. Opbrengsten worden geboekt na aftrek van omzetbelastingen, kortingen en rabatten.
De Groep hanteert een verschillende aanpak wat betreft de erkenning in opbrengsten uit de verkoop van goederen, uit de verkoop van diensten en uit de verkoop van overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aan de koper worden aangeboden. Opbrengsten uit de verkoop van goederen bevatten opbrengsten uit de verkoop van consumptiegoederen, chemicaliën, vervangingsonderdelen, apart verkochte apparatuur en softwarelicenties. Opbrengsten uit dienstverlening bevat diensten met betrekking tot de installatie, onderhoud en dienstverlening na verkoop. De Groep sluit tevens overeenkomsten af waarin meerdere goederen en/of diensten samen worden aangeboden aan de koper (‘multiple-element arrangements’). Deze overeenkomsten omvatten de verkoop van software, licenties, hardware, installatiediensten, onderhoud en dienstverlening na verkoop. De aan klanten gefactureerde vervoerskosten worden geboekt in opbrengsten in de periode.
Omzet uit de verkoop van goederen wordt erkend op het moment dat de controle van de goederen overgaat op de klant en wanneer er geen onzekerheid bestaat omtrent de inning van de verkoopprijs. In de bepaling of de inning van de verkoop- prijs al dan niet waarschijnlijk is, houdt de Groep rekening met de kredietwaardigheid van de klant en diens intentie tot betalen van de verkoopprijs op vervaldag. Omzet uit de verkoop van goederen wordt onder de huidige IFRS 15 standaard erkend op een specifiek tijdstip, zijnde het moment van levering rekening houdend met de geldende incoterms.
Omzet uit de verkoop van apart verkochte softwarelicenties wordt erkend op een specifiek tijdstip, zijnde op het moment van de levering van de source key aan de klant. Opbrengstenerkenning op een specifiek tijdstip is terecht daar de Groep de klant toegang verleent tot de software op een specifiek moment en het recht verleent tot gebruik van de intellectuele eigendom zoals deze bestaat op een specifiek moment.
In geval dat er volumekortingen aangeboden worden aan de klanten, wordt er een inschatting gemaakt van de verwachte volumekorting op basis van historische consumptiepatronen van de klanten. Het bedrag van de variabele verkoopprijs is gebaseerd op de ‘most likely amount’-methode. Wanneer er verwacht wordt dat de vooropgezette aankoopvolumes zullen behaald worden door de klant, wordt de omzet erkend aan een waarde die rekening houdt met de verwachte volumekorting en wordt er een contractuele verplichting verbonden aan contracten met klanten geboekt.
In overeenstemming met de huidige IFRS 15 wordt de omzet uit dienstverlening erkend over de looptijd van het contract aangezien de klant gelijktijdig de voordelen van deze dienstverlening ontvangt en consumeert. Omzet met betrekking tot installatie en implementatie van de softwarelicentie wordt erkend op basis van de reeds gepresteerde kosten. De vooruitgang wordt gemeten aan de hand van inputparameters zijnde de reeds gepresteerde arbeidskosten in vergelijking tot de ingeschatte arbeidskosten. In de gevallen waarbij de Groep meerdere diensten gelijktijdig aanbiedt, zal de omzet over de verschillende diensten verdeeld worden gebaseerd op de verkoopprijs die van toepassing is wanneer deze diensten apart verkocht worden.
De Groep sluit tevens overeenkomsten af waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden aan de koper (‘multiple-element arrangements’). Deze overeenkomsten omvatten de verkoop van software, licenties, hardware, installatiediensten, onderhoud en dienstverlening na verkoop. Voor overeenkomsten die geen substantieve aanpassing van de software vergen, kwalificeert elk onderdeel als een aparte prestatieverplichting. De totale verkoopprijs wordt toegewezen aan de verschillende prestatieverplichtingen op basis van hun verkoopprijs wanneer ze apart verkocht worden. In het geval dat kortingen toegekend worden, worden deze proportioneel toegekend aan elke prestatieverplichting op basis van hun prijs wanneer ze apart verkocht worden. Binnen de segmenten HealthCare IT en Radiology Solutions vereisen de meeste overeenkomsten waarin meerdere goederen en/of diensten samen aangeboden worden, geen significante aanpassingen van het softwaregedeelte en geen programmering op maat van de koper.
Het deel van de verkoopprijs toegewezen aan de hardwarecomponent wordt in omzet erkend op het moment dat deze geleverd is aan de koper en toegevoegde waarde creëert. De hardwarecomponent wordt als een aparte prestatieverplichting beschouwd aangezien de overige componenten van de overeenkomst geen transformaties aanbrengen aan de hardware. Het deel van de softwarecomponent wordt in omzet erkend na succesvolle installatie in de lokalen van de koper en acceptatie door de koper. De softwarecomponent wordt beschouwd als een aparte prestatieverplichting aangezien de koper de software kan gebruiken met diensten en/of goederen die vrij verkrijgbaar zijn op de markt. Gezien de Groep de klant toegang verleent tot de licentie op een specifiek tijdstip en een gebruiksrecht verleent tot de licentie zoals ze ontwikkeld werd op een specifiek tijdstip, wordt de omzet uit deze licenties eveneens erkend op een specifiek tijdstip. De software wordt gezien als apart identificeerbaar aangezien niettegenstaande het feit dat de software geïntegreerd is in het systeem van de klant, de nog te leveren installatie de baten die de klant heeft van de softwarelicentie niet in de weg staan. De installatiediensten zijn immers routinematig en kunnen eveneens verstrekt worden door derde leveranciers.
Omzet met betrekking tot installatie en implementatie van de softwarelicentie wordt erkend op basis van de reeds gepresteerde kosten. De vooruitgang wordt gemeten aan de hand van inputparameters zijnde de reeds gepresteerde arbeidskosten in vergelijking met de ingeschatte arbeidskosten. In gevallen waarbij de klant additionele garanties aankoopt, zijnde garanties bovenop de wettelijke garanties die gegeven worden of waarbij een langere garantieperiode dan deze wettelijke voorzien wordt aangekocht (‘extended warranty’), wordt dit beschouwd als een aparte prestatieverplichting in een overeenkomst waarbij meerdere goederen en diensten samen worden aangeboden.
Omzet erkend waarvoor nog geen facturatie plaatsgevonden heeft, wordt geboekt als contractuele activa verbonden aan contracten met klanten. Ontvangen vooruitbetalingen waarvoor nog geen omzet erkend werd, wordt geboekt als contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten.
Binnen het segment Offset Solutions en Digital Print & Chemicals worden de opbrengsten uit de verkoop van apparatuur die significante installatie vereisen, in opbrengsten geboekt nadat de installatie in overeenstemming met alle contractuele bepalingen is voltooid en de machine gebruiksklaar is voor de koper. De machine en installatiediensten zijn zeer nauw met elkaar verbonden en worden bijgevolg behandeld als één prestatieverplichting, die in opbrengst wordt erkend op het moment van succesvolle installatie bij de koper.
Voor de boekhoudkundige behandeling van pensioen- en soortgelijke verplichtingen maakt IFRS een onderscheid tussen toegezegdebijdrageregelingen en toegezegdepensioenregelingen. De classificatie is afhankelijk van de partij – Onderneming of werknemer – die het actuarieel en investeringsrisico draagt. Bij een toegezegdebijdrageregeling draagt de werknemer alle risico’s en dient de Onderneming bijgevolg – met uitzondering van de te betalen bijdragen – geen verplichting op te nemen in de balans, behalve voor het onbetaalde deel van de bijdragen. Bij toegezegdepensioenregelingen draagt de Onderneming het actuarieel en investeringsrisico en erkent bijgevolg een verplichting in de balans.
De bijdragen voor toegezegdebijdrageregelingen worden als kost opgenomen in de winst- en verliesrekening wanneer ze verschuldigd zijn. Deze kosten worden in de winst- en verliesrekening toegewezen aan hun verschillende functies: kostprijs van verkopen, kosten van onderzoek en ontwikkeling, verkoop- en algemene beheerskosten, op basis van de functionele kostenplaatsen waar de betrokken werknemers aan toegewezen zijn.
Vanaf 31 december 2016 is de boekhoudkundige verwerking van Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement in lijn gebracht met de boekhoudkundige behandeling van toegezegdepensioenregelingen.
A. Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding
De boekwaarde op de balans van toegezegdepensioenregelingen wordt bepaald als de contante waarde van de brutoverplichtingen uit hoofde van toegezegdepensioenregelingen verminderd met de reële waarde van fondsbeleggingen. Wanneer deze berekening een nettosurplus oplevert, dan wordt de waarde van het hieruit resulterend opgenomen actief begrensd tot het totaal van de contante waarde van de economische voordelen die beschikbaar zijn in de vorm van terugbetalingen uit de regeling of vermindering van toekomstige bijdragen aan de regeling.
De contante waarde van de brutoverplichtingen uit hoofde van toegezegdepensioenregelingen (DBO) en de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten worden door een gekwalificeerd actuaris berekend volgens de ‘Projected Unit Credit’-methode (PUC). Volgens deze methode worden de toekomstige jaarlijkse uitkeringen verdisconteerd aan een veronderstelde interestvoet. De totale verplichting die hieruit voortvloeit wordt vervolgens toegerekend aan de verstreken diensttijd – die de DBO vertegenwoordigt – en aan het huidige dienstjaar – die de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten vertegenwoordigen.
De te gebruiken interestvoet is de disconteringsvoet gebaseerd op interestvoeten op bedrijfsobligaties met een hoge rating die een looptijd hebben die deze van de brutoverplichtingen van de Groep benaderen. Bij het bepalen van de contante waarde van de brutoverplichtingen uit hoofde van toegezegdepensioenregelingen (DBO) wordt rekening gehouden met toekomstige aanpassingen in salarissen en pensioenuitkeringen. De DBO omvat tevens de contante waarde van belastingen betaalbaar op de bijdragen voor het plan of op vergoedingen betreffende geleverde diensten. Wat de toepassing van de PUC-methode voor Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement betreft wordt hierna bijkomende informatie verstrekt.
B. Kosten voor toegezegdepensioenregelingen weergegeven in de ‘Winst- en verliesrekening’ en in ‘Niet-gerealiseerde resultaten’
Het bedrag dat in de winst- en verliesrekening wordt geboekt, bestaat uit de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten, de pensioenkosten van verstreken diensttijd, het effect van een inperking of afwikkeling van een toegezegdepensioenregeling, de interest op de nettoverplichting en administratieve kosten en belastingen.
De aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten en de administratieve kosten en belastingen worden gedragen door de werkgever(s), die deelnemen aan de regeling, worden toegewezen aan de kosten volgens hun functie: kostprijs van verkopen, kosten van onderzoek en ontwikkeling, verkoopkosten en algemene beheerskosten, op basis van de functionele kostenplaatsen waar de betrokken werknemers aan toegewezen zijn.
Pensioenkosten van verstreken diensttijd en winsten of verliezen op de inperking of afwikkeling van een toegezegdepensioenregeling worden erkend in ‘Overige bedrijfsopbrengsten,’ respectievelijk ‘Overige bedrijfskosten’ op het moment dat de inperking of afwikkeling plaatsvindt. Administratieve kosten die verbonden zijn aan het beheer van fondsbeleggingen en belastingen die rechtstreeks gelinkt zijn aan het rendement van de fondsbeleggingen en die door het plan worden gedragen, zijn mee begrepen in het rendement op de fondsbeleggingen en worden opgenomen in de ‘Niet-gerealiseerde resultaten, na winstbelastingen’.
De interest op de nettoverplichting van toegezegdepensioenregelingen wordt in de winst- en verliesrekening opgenomen onder ‘Overige financieringskosten’. Ze wordt berekend door de disconteringsvoet die gebruikt wordt voor de berekening van de contante waarde van de brutoverplichting toe te passen op de nettoverplichting. De interest op de nettoverplichting wordt uitgesplitst over de interestopbrengsten op fondsbeleggingen en interestkosten op de contante waarde van de bruto-verplichting. Het verschil tussen de interestopbrengsten en het reële rendement op fondsbeleggingen wordt weergegeven in de balans onder ‘Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdepensioenregelingen’ en in de ‘Niet-gerealiseerde resultaten, na winstbelastingen’.# 50.4.2 Belgische toegezegde bijdrageregelingen met gewaarborgd rendement
Naast het verschil tussen het reële rendement op fondsbeleggingen en de berekende interestopbrengsten op fondsbeleggingen omvatten de ‘Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen’ de actuariële winsten en verliezen die bijvoorbeeld resulteren uit een aanpassing van de aanname inzake disconteringsvoet. Al deze effecten uit herwaarderingen worden getoond in de ‘Niet-gerealiseerde resultaten, na winstbelastingen’.
Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement vallen onder toepassing van de wet van april 2003 op de aanvullende pensioenen. Volgens artikel 24 van deze wet hebben aangeslotenen recht op een minimum rendement op bijdragen betaald door hetzij de organisator van het plan hetzij de werknemer. Een aantal voorwaarden opgenomen in deze wet, zoals het wettelijk minimum rendement, werden aangepast bij wet van 18 december 2015.
In lijn met de waardering gehanteerd voor ‘zuivere’ toegezegdpensioenregelingen, wordt de verplichting uit hoofde van toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement voortaan bepaald als het verschil tussen de contante waarde van de brutoverplichtingen (DBO) en de reële waarde van fondsbeleggingen. Vanaf 31 december 2016 worden de contante waarde van de brutoverplichtingen (DBO) en de aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten door een gekwalificeerd actuaris berekend volgens de ‘Projected Unit Credit’-methode (PUC). Voor de algemene principes van deze methode verwijzen we naar de toelichting opgenomen onder ‘Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding.’
In de Belgische entiteiten van de Groep voorzien alle verzekerde plannen in een vast gegarandeerd rendement tot aan pensionering (de zogenoemde ‘Tak 21’ verzekerde producten). Afhankelijk van de aard van het verzekerd plan wordt de contante waarde van de brutoverplichtingen bepaald inclusief of exclusief toekomstige bijdragen en hun toekomstig gewaarborgd rendement tot pensionering of beëindiging van deelname aan het plan. Voor het ‘Top Performance Plan’ werden geen toekomstige bijdragen in aanmerking genomen, voor alle andere ‘Tak 21’ verzekerde producten worden recurrente bijdragen betaald en bijgevolg ook in de actuariële berekeningen in aanmerking genomen.
Bij de bepaling van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement heeft de Groep paragraaf 115 van IAS 19 toegepast. Paragraaf 115 stelt “in de mate dat fondsbeleggingen verzekeringscontracten omvatten die kwalificeren als in aanmerking te nemen fondsbeleggingen waarvan bedrag en vervaldagstructuur overeenstemmen met het geheel of een deel van de toezeggingen onder het plan, wordt de marktwaarde van de verzekeringscontracten gelijkgesteld aan de contante waarde van de eraan gerelateerde verplichtingen”, tot op het niveau van het door de verzekeraar gegarandeerde rendement.
Vergelijkbaar met de Belgische toegezegdebijdrageregelingen met gewaarborgd rendement worden de toegezegdebijdrageregelingen in Zwitserland verwerkt zoals een toegezegdpensioenregeling volgens IAS 19. Voor de waardering van de net-toverplichting van toegezegdebijdrageregelingen in België en Zwitserland wordt paragraaf 115 van IAS 19 toegepast. Paragraaf 115 stelt dat daar waar activa van het plan in aanmerking komende verzekeringspolissen bevatten die exact overeenkomen in tijdstip en bedrag van de te betalen voordelen gestipuleerd in het plan, de reële waarde van deze verzekeringspolissen gelijk is aan de reële waarde van de verplichtingen en dit ten belope van de gegarandeerde waarde door de verzekeraar.
De toepassing van deze paragraaf 115 veronderstelt het bepalen van de verzekerde waarde van de toezeggingen bij pensionering, wat een invloed heeft op zowel de waarde van de fondsbeleggingen als de contante waarde van de brutoverplichtingen. Wat de toepassing van paragraaf 115 betreft is het management immers van mening dat de berekening van de contante waarde van de brutoverplichtingen tevens rekening dient te houden met het feit dat de werknemer aanspraak maakt op het hoogste van de bij de verzekeraar opgebouwde reserves en de gewaarborgde minimumreserves. Daarom dient de berekening van de contante waarde van de brutoverplichtingen met dit kenmerk rekening te houden en dit in elke situatie, hetzij tewerkstelling tot aan pensionering hetzij beëindiging van tewerkstelling voor pensionering.
Ontslagvergoedingen worden opgenomen als een verplichting en als een last wanneer een groepsonderneming zich aantoonbaar heeft verbonden tot ofwel:
* het beëindigen van de tewerkstelling van een werknemer of groep van werknemers vóór de normale pensioendatum; of
* de betaling van ontslagvergoedingen als gevolg van een aanbod ter aanmoediging van vrijwillige pensionering en in de mate dat het waarschijnlijk is dat de werknemers het aanbod zullen aanvaarden.
Wanneer ontslagvergoedingen verschuldigd zijn na twaalf maanden volgend op de rapporteringsdatum, dan worden ze verdisconteerd aan een disconteringsvoet gelijk aan het marktrendement op rapporteringsdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de termijn van de verplichtingen van de Groep.
De interestimpact van de afwikkeling en waardering van ontslagvergoedingen aan de op balansdatum geldende disconteringsvoeten wordt in de winst- en verliesrekening opgenomen onder ‘Overige financieringskosten.’ De impact van toe- en afnamen van de verplichtingen van de Groep betreffende ontslagvergoedingen wordt opgenomen onder ‘Overige bedrijfskosten’ – Reorganisatiekosten.
De nettoverplichting van de Groep uit hoofde van langetermijnpersoneelsbeloningen andere dan bedrijfspensioenplannen, levensverzekeringsplannen en plannen voor medische bijstand heeft betrekking op de pensioenaanspraken die werknemers hebben opgebouwd in ruil voor hun diensten in de verslagperiode en voorgaande perioden. Deze verplichting wordt berekend op basis van de ‘Projected Unit Credit’-methode en wordt verdisconteerd om de contante waarde te bepalen en de reële waarde van hiermee samenhangende activa wordt hierop in mindering gebracht. De gebruikte disconteringsvoet is het marktrendement op rapporteringsdatum van bedrijfsobligaties van hoge kredietwaardigheid met een resterende looptijd die consistent is met de geschatte looptijd van de verplichtingen van de Groep.
In tegenstelling tot de boekhoudkundige verwerking van toegezegdpensioenregelingen worden herwaarderingen van overige langetermijnpersoneelsbeloningen niet getoond in het overzicht van de ‘Niet-gerealiseerde resultaten,’ maar erkend in de ‘Winst- en verliesrekening.’
De verplichtingen uit hoofde van kortetermijnpersoneelsbeloningen worden gewaardeerd op een niet-verdisconteerde basis. Ze worden in de ‘Winst- en verliesrekening’ opgenomen in de periode waarin de gerelateerde prestaties worden geleverd. Een verplichting wordt opgenomen voor de personeelsbeloningen die betaalbaar zijn binnen de twaalf maanden op voorwaarde dat de Groep een bestaande in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft om dergelijke betalingen te doen als gevolg van verleende prestaties in het verleden en indien de verplichting op een betrouwbare manier kan worden bepaald.
De Groep heeft op aandelen gebaseerde beloningen toegekend aan haar CEO en een groep van sleutelpersoneelsleden onder de vorm van een langetermijn variabel compensatie vervat in een stock optie plan. Dit plan kan resulteren in een bijkomende cash bonus. In de op aandelen gebaseerde beloningsverrichtingen participeren de betrokken personen in de evolutie van de waarde van het onderliggend instrument, zijnde de aandelen van Agfa-Gevaert NV en de betaling in cash is gebaseerd op de koers of waarde van het aandeel. Betreffende ‘Share appreciation rights’ geven maar recht op vergoeding wanneer de betrokken persoon gedurende een specifieke periode is tewerkgesteld (kort ‘wachtperiode’ genoemd). Daarom erkent de Onderneming de kost van de beloning en de daaruit voortvloeiende verplichting, over de looptijd van voornoemde wachtperiode. De verplichting wordt initieel en gedurende voornoemde looptijd, telkens op het einde van een rapporteringsperiode, gewaardeerd aan de reële waarde van de ‘Share Appreciation Rights’ bepaald aan de hand van een aandelenoptiemodel en in de mate van de door de werknemers geleverde dienstprestaties. Wijzigingen in de reële waarden worden erkend in de winst- en verliesrekening. Zowel de kost bij initiële waardering als de impact van de wijzigingen in de reële waarde worden opgenomen als kost van personeelsbeloningen. Het gehanteerde optiewaarderingsmodel is ‘Black and Scholes.’
Kosten van onderzoek worden voor boekhoudkundige doeleinden gedefinieerd als kosten gemaakt voor huidige of geplande onderzoeken met het oog op het verschaffen van nieuwe wetenschappelijke of technische kennis en inzichten. Ontwikkelingskosten worden gedefinieerd als kosten gemaakt om de onderzoeksbevindingen of de gespecialiseerde kennis aan te wenden voor het uitdenken of plannen van de productie, levering of ontwikkeling van nieuwe of substantieel verbeterde producten, diensten of processen alvorens deze in productie of gebruik te nemen. Kosten van onderzoek en ontwikkeling in de Agfa-Gevaert Groep betreffen zowel interne onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten als verschillende samenwerkingen op het vlak van onderzoek en ontwikkeling en allianties met derde partijen.# Kosten van onderzoek en ontwikkeling omvatten, in het bijzonder, de lopende kosten voor de onderzoeks- en ontwikkelingsdepartementen zoals personeelskosten, materiaalkosten en afschrijving van vaste activa alsook de kosten van laboratoriumia, faciliteiten voor de ontwikkeling van toepassingen, ‘engineering’ en andere departementen die onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten verrichten, kosten voor het contact met universiteiten en wetenschappelijke instellingen en de kosten van onderzoeks- en ontwikkelingswerk voor rekening van derden. Onderzoekskosten kunnen niet worden geactiveerd. De voorwaarden voor activering van ontwikkelingskosten zijn strikt gedefinieerd: een immaterieel actief kan maar erkend worden, alleen wanneer er redelijke zekerheid bestaat dat toekomstige kasstromen de boekwaarde van het actief kunnen afdekken.
Financieringsbaten (-kosten) – netto omvatten rente verschuldigd op leningen en ontvangen rente op beleggingen. Zij bevatten ontvangen en betaalde interesten met betrekking tot elementen opgenomen in de netto financiële schuldpositie. De netto financiële schuldpositie wordt gedefinieerd als de som van langlopende en kortlopende rentedragende verplichtingen en leaseverplichtingen verminderd met geldmiddelen en kasequivalenten.
Overige financieringsbaten (-kosten) – netto omvatten:
Inkomsten uit rente worden pro rata temporis in de winst- en verliesrekening opgenomen rekening houdend met het effectieve rendement van het actief. Inkomsten uit dividenden worden in de winst- en verliesrekening opgenomen op de dag dat het dividend wordt toegekend. Alle rentelasten en andere financieringskosten in verband met leningen worden in de winst- en verliesrekening opgenomen naarmate ze ontstaan op basis van de effectieve rentemethode. De rentelastcomponent van de betalingen voor leaseovereenkomsten wordt in de winst- en verliesrekening opgenomen op basis van de effectieve rentemethode. De interest op de nettoverplichting wegens vergoedingen na uitdiensttreding wordt berekend door de disconteringsvoet die gebruikt wordt voor de berekening van de contante waarde van de brutoverplichting toe te passen op de nettoverplichting. Zowel de bruto- als nettoverplichting bij aanvang van de rapporteringsperiode wordt als basis genomen waarbij rekening 253AgfA-gevAert – jAArverslAg 2022 wordt gehouden met wijzigingen in de nettoverplichting tijdens de rapporteringsperiode als gevolg van bijdragen en uitkeringen. De interestcomponent van langetermijnontslagvergoedingen omvat de impact van de afwikkeling van de verplichting evenals de impact van de gewijzigde disconteringsvoet.
De winstbelastingen omvatten de over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare belastingen en de uitgestelde belastingen. Beide belastingen worden in de winst- en verliesrekening geboekt behalve in die gevallen waar het bestanddelen betreft die deel uitmaken van de niet-gerealiseerde resultaten. In dit laatste geval verloopt de opname via de niet-gerealiseerde resultaten of in het geval van bedrijfscombinaties waarbij de opname verloopt via goodwil. Bij de bepaling van de over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare winstbelastingen en uitgestelde winstbelastingen houdt de Groep rekening met het effect van onzekere belastingposities en de vraag of er nog verdere belastingen en rente verschuldigd zijn. Overige belastingvorderingen en schulden hebben betrekking op overige belastingen zoals BTW, onroerend goed belasting en andere indirecte belastingen. Ze worden gewaardeerd aan kostprijs. Overige belastingvorderingen en schulden worden gecompenseerd in de balans wanneer ze geheven worden door dezelfde belastingautoriteit en afgelost worden op een netto basis en er een wettelijk recht is om deze te compenseren.
Onder de over de verslagperiode verschuldigde en verrekenbare belastingen verstaat men deze die drukken op de fiscale winst van het boekjaar, berekend tegen de belastingtarieven die van kracht zijn op de balansdatum, evenals de aanpassingen aan de belastingen die verschuldigd zijn over de vorige boekjaren. Bijkomende winstbelastingen die ontstaan uit de uitkering van dividenden worden geboekt op hetzelfde moment als de verplichting voor uitbetaling van het desbetreffende dividend. Verschuldigde winstbelastingen met betrekking tot de lopende en voorgaande perioden, voor zover deze nog onbetaald zijn, worden erkend als schulden. Ingeval het reeds betaalde bedrag aan winstbelastingen groter is dan het verschuldigde bedrag voor die perioden, dan wordt dit overschot gepresenteerd als een actief.
De uitgestelde belastingen worden berekend volgens de ‘balance sheet’-methode en komen vooral voort uit de verschillen tussen de boekwaarde van activa en verplichtingen in de balans en de fiscale boekwaarde ervan (tijdelijke verschillen). Er wordt echter geen rekening gehouden met de volgende verschillen:
Het bedrag van de uitgestelde belastingen is gebaseerd op de verwachtingen met betrekking tot de realisatie van de boekwaarde van de activa en verplichtingen, waarbij gebruik wordt gemaakt van de belastingtarieven (en de belastingwetgeving) waarvan het wetgevingsproces (materieel) is afgesloten op de balansdatum. Een uitgestelde belastingvordering wordt enkel opgenomen in de balans indien het voldoende zeker is dat de verrekenbare tijdelijke verschillen, de ongebruikte belastingfaciliteiten en de ongebruikte voorwaartse verliescompensatie in de toekomst met fiscale winsten kunnen worden verrekend. Uitgestelde belastingvorderingen worden verminderd naarmate het niet langer waarschijnlijk is dat de belastingbesparing zal kunnen worden gerealiseerd. Uitgestelde belastingvorderingen en -schulden worden gecompenseerd in de balans indien de entiteit een wettelijk recht heeft om verschuldigde winstbelastingen netto af te rekenen en 254 TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING indien de uitgestelde belastingbedragen geheven worden door dezelfde belastingsautoriteit en de entiteit de intentie heeft om de vordering en de verplichting op hetzelfde moment te innen en te betalen.
Goodwill wordt na eerste opname gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Voor geassocieerde deelnemingen die volgens de ‘equity’-methode worden gewaardeerd, wordt het bedrag van de goodwill opgenomen in de boekwaarde van de investering. Eventuele bijzondere waardeverminderingsverliezen worden eveneens opgenomen in de boekwaarde van de geassocieerde deelneming. Immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur, zoals handelsnamen, worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Immateriële activa met onbepaalde gebruiksduur worden niet afgeschreven. Zij worden jaarlijks op bijzondere waardevermindering getoetst en elke keer wanneer er een aanwijzing bestaat dat zij mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan.
Immateriële vaste activa met beperkte gebruiksduur worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en geaccumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Kosten van onderzoek en ontwikkeling worden als een kost in de winst- en verliesrekening opgenomen in de periode waarin zij worden gemaakt, met uitzondering voor bepaalde kosten van ontwikkeling, welke op de balans worden opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat het ontwikkelingsproject een succes zal zijn en wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan zoals technische uitvoerbaarheid en het kunnen aantonen dat het ontwikkelingsproject waarschijnlijke toekomstige economische voordelen zal genereren. Kosten van ontwikkeling opgenomen op de balans worden afgeschreven op een systematische manier over hun geschatte gebruiksduur. In overeenstemming met IFRS 3 Bedrijfscombinaties is de kostprijs van een immaterieel actief verworven in een bedrijfscombinatie de reële waarde van het immaterieel actief op overnamedatum. De reële waarde van een immaterieel actief weerspiegelt de marktverwachtingen over de waarschijnlijkheid dat toekomstige economische voordelen, vervat in het actief, naar de entiteit zullen toevloeien.
Uitgaven na eerste opname worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen.# Ze worden echter wel geac- tiveerd indien ze resulteren in een verhoging van het toekomstig economisch nut van de respectieve materiële vaste activa.
Immateriële activa met een beperkte gebruiksduur, zoals verworven technologie en klantenrelaties worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de geschatte gebruiksduur, over het algemeen een periode van vijf tot vijftien jaar. Afschrijvingsmethode, gebruiksduur en restwaarde worden op rapporteringsdatum telkens opnieuw beoordeeld en indien nodig aangepast.
De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met geaccumuleerde afschrijvingen en geaccu- muleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen.
255AgfA-gevAert – jAArverslAg 2022
De kostprijs van een materieel vast actief omvat:
* de aankoopprijs, met inbegrip van invoerrechten en niet aftrekbare belastingen op de aankopen;
* alle rechtstreeks toerekenbare kosten om het actief op de locatie en in de staat te krijgen die noodzakelijk is om te func- tioneren op de door het management beoogde wijze;
* de eerste schatting van de kosten van ontmanteling en verwijdering van het actief, en van het herstel van het terrein waar het actief zich bevindt; de verplichting hiervoor wordt door de entiteit aangegaan wanneer het actief wordt verkregen, of ontstaat als gevolg van het gebruik gedurende een bepaalde periode voor andere doeleinden dan de productie van voorraden tijdens die periode;
* geactiveerde nancieringskosten.
Voor zelfvervaardigde materiële vaste activa omvatten de rechtstreeks toerekenbare kosten de directe materiaalkost, di- recte fabricagekosten, een evenredig deel van de vaste kosten van materiaal en fabricage, en een evenredig deel van de afschrijvingen van activa gebruikt bij de vervaardiging. De kostprijs omvat tevens een evenredig deel van de kosten voor het bedrijfspensioenplan, andere vrijwillige personeelsbeloningen van de Onderneming en geactiveerde nancieringskosten.
Uitgaven voor de herstellingen en onderhoud van materiële vaste activa worden onmiddellijk in de winst- en verliesreke- ning opgenomen. Ze worden echter wel geactiveerd indien ze resulteren in een verhoging van het toekomstig economisch nut van de respec- tieve materiële vaste activa.
Materiële vaste activa worden vanaf datum van ingebruikname afgeschreven volgens de lineaire methode over de gebruiks- duur van het actief. Voor materiële vaste activa aangehouden op grond van leaseovereenkomsten stemt de afschrijvingspe- riode overeen met de gebruiksduur of met de looptijd van de leaseovereenkomst, indien korter. De geschatte gebruiksduur van de respectieve activa is de volgende:
| Activa | Gebruiksduur |
|---|---|
| Gebouwen | tot jaar |
| Andere bouwwerken | tot jaar |
| Bedrijfsinstallaties | tot jaar |
| Machines en uitrusting | tot jaar |
| Laboratorium- en onderzoekinstallaties | tot jaar |
| Rollend materieel | tot jaar |
| Computermaterieel | tot jaar |
| Bedrijfs- en kantooruitrusting | tot jaar |
De afschrijvingsperiode, economische levensduur en restwaarde van vaste activa worden op geregelde tijdstippen geëvalu- eerd en aangepast indien nodig.
De Groep classiceert een vast actief (of een groep activa die wordt afgestoten) als aangehouden voor verkoop wanneer zijn boekwaarde hoofdzakelijk zal worden gerealiseerd in een verkooptransactie en niet door het voortgezette gebruik ervan. Dit is evenwel alleen van toepassing wanneer het vast actief (of een groep activa die wordt afgestoten) onmiddellijk in zijn huidige toestand verkoopbaar is onder voorwaarden die gebruikelijk zijn bij dergelijke verkoop en de verkoop bovendien zeer waarschijnlijk is. Onmiddellijk voordat het actief voor het eerst wordt geclassiceerd als aangehouden voor verkoop waardeert de Groep de boekwaarde van het actief (of van alle activa en verplichtingen in de Groep) overeenkomstig met de van toepassing zijnde IFRS. Bij de initiële classicatie als aangehouden voor verkoop, worden vaste activa en groepen van activa die worden af- gestoten, gewaardeerd tegen de laagste waarde van hun boekwaarde en hun reële waarde minus de verkoopkosten. Bijzon- dere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen voor elke eerste of latere afschrijving van een actief (of een groep activa die wordt afgestoten) tot de reële waarde minus verkoopkosten.
256 TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
Vaste activa aangehouden voor verkoop worden niet langer afgeschreven.
Financiële activa omvatten investeringen in obligaties en aandelen van een ander bedrijf, geldmiddelen, gegeven leningen, handelsvorderingen, vorderingen uit leaseovereenkomsten en overige vorderingen evenals derivaten. Leningen en vorderingen worden in de balans opgenomen op het moment dat ze geïnitieerd worden. Alle andere nan- ciële activa neemt de Groep op in haar balans op de transactiedatum, op het moment dat de Groep zich verbindt aan de contractuele bepalingen van het instrument. Bij eerste opname wordt een handelsvordering zonder signicante nan- cieringscomponent gewaardeerd aan reële waarde vermeerderd met direct toewijsbare transactiekosten. Transactiekosten met betrekking tot nanciële activa en verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde met waardeveranderingen geboekt in de winst- en verliesrekening, worden geboekt in de winst- en verliesrekening. De Groep neemt een nancieel actief niet langer in de balans op vanaf het moment dat de contractuele rechten op de kasstromen uit het nancieel actief aopen of de Groep de contractuele rechten op de ontvangst van de kasstromen uit het nancieel actief overdraagt in een transactie waarbij de risico’s en voordelen van eigendom van het nancieel actief overgedragen worden. Indien de entiteit nagenoeg alle risico’s en voordelen van eigendom van het nancieel actief niet overdraagt, noch behoudt, moet de entiteit vaststellen of zij zeggenschap over het nancieel actief heeft behouden. In geval van verlies van zeggenschap mag de entiteit de nan- ciële activa niet langer in de balans opnemen. Financiële activa en verplichtingen worden netto in de balans opgenomen, uitsluitend wanneer de Groep beschikt over een wettelijk recht om de bedragen netto voor te stellen en zij de intentie heeft om de betreende activa en verplichtingen hetzij gelijktijdig hetzij netto af te wikkelen. De Groep houdt de volgende categorieën aan van nanciële instrumenten: nanciële activa aan geamortiseerde kostprijs en nanciële activa aan reële waarde via de niet-gerealiseerde resultaten. De classicatie is gebaseerd op het ondernemings- model van waaruit de activa beheerd worden en op de kenmerken van hun kasstromen.
Na eerste opname worden de nanciële activa gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs wanneer het nanciële activa betreft die contractueel recht geven op de ontvangst van kasstromen en de contractuele voorwaarden aanleiding geven tot kasuitgaven op specieke data ten belope van de hoofdsom en de interesten op het openstaand saldo. De vorderingen van de Groep, zijnde handelsvorderingen, vorderingen uit leaseovereenkomsten en overige vorderingen, en geldmiddelen en kasequivalenten voldoen allemaal aan de denitie en worden bijgevolg gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs.
De nanciële activa worden gewaardeerd aan reële waarde via de niet-gerealiseerde winsten wanneer het nanciële activa betreft die contractueel recht geven op zowel de ontvangst van kasstromen als de verkoop van nanciële activa en de con- tractuele voorwaarden aanleiding geven tot kasuitgaven op specieke data ten belope van de hoofdsom en de interesten op het openstaand saldo. Interestinkomsten worden berekend volgens de eectieve rentemethode; valutakoersverschillen en bijzondere waardeverminderingsverliezen worden geboekt in de winst- en verliesrekening. Overige nettowinsten en -ver- liezen worden geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten. Bij verkoop worden de winsten en verliezen uit de niet-gereali- seerde resultaten overgeboekt naar de winst- en verliesrekening. De investering van de Groep in Dilli Illustrate Inc. voldoet aan de voorwaarden opgelegd aan nanciële activa gewaardeerd aan reële waarde via de niet-gerealiseerde resultaten. De impact van de waardering na eerste opname van deze aandelenparticipatie wordt opgenomen in niet-gerealiseerde resulta- ten onder de ‘Overige reserves’. Dit item zal niet op een later tijdstip vanuit de niet-gerealiseerde resultaten in de winst- en verliesrekening worden opgenomen.
Financiële verplichtingen omvatten obligatieleningen, bankschulden, ‘revolving’- en andere kredietfaciliteiten, handels- schulden en overige te betalen posten evenals derivaten. Financiële verplichtingen worden opgenomen in de balans op transactiedatum, zijnde het moment dat de Groep zich verbindt aan de contractuele bepalingen van het instrument. Bij eerste opname waardeert de Groep nanciële verplichtingen aan reële waarde verminderd met de direct toewijsbare transactiekosten bij de uitgave van de nanciële verplichting. Niet-afgeleide nanciële verplichtingen worden na eerste opname gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs met uitzondering van de nanciële verplichtingen die hun oorsprong 257AgfA-gevAert – jAArverslAg 2022 vinden in een overdracht van nanciële activa die niet in aanmerking komt voor aoeking of wanneer er nog betrokken- heid bij het afgestoten nancieel actief van toepassing is. De rentedragende verplichtingen worden na initiële opname gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs, waarbij het verschil tussen het initiële bedrag en het aossingsbedrag pro rata temporis in de winst- en verliesrekening wordt opgenomen op basis van de eectieve rentemethode.# Toelichting bij de Geconsolideerde Jaarrekening
Wanneer een overdracht van financiële activa niet resulteert in afvloeiing van het actief omdat de entiteit de risico’s en voordelen van de eigendom van het betreffende actief behouden heeft, blijft de Groep het getransfereerde actief opnemen in de balans en erkent een financiële verplichting ten belope van de ontvangen vergoeding. Volgend op de eerste opname erkent de Groep een opbrengst op het getransfereerde actief en een kost op de financiële verplichting.
Wanneer de Groep de wezenlijke risico’s en voordelen gekoppeld aan de eigendom van het getransfereerde actief niet overdraagt noch behoudt, blijft de entiteit het getransfereerde actief opnemen in de balans ten belope van de betrokkenheid van de entiteit en erkent tegelijkertijd een bijhorende verplichting en behoudt controle over het getransfereerde actief. De betrokkenheid van de Groep in het getransfereerde actief is de mate waaraan zij aan wijzigingen in de waarde van het actief wordt blootgesteld. De waarde van het getransfereerde actief en daarbij horende verplichting wordt bepaald op basis van de rechten en verplichtingen die de entiteit heeft behouden. De bijhorende verplichting wordt gewaardeerd zodanig dat de nettoboekwaarde van het getransfereerde actief en bijhorende verplichting de geamortiseerde kostprijs is van de rechten en verplichtingen behouden door de Groep ervan uitgaande dat het getransfereerde actief aan geamortiseerde kost wordt gewaardeerd.
De Groep neemt een financiële verplichting niet langer op in haar balans wanneer de contractuele verplichtingen ophouden, ontbonden worden of aflopen. De Groep neemt een financiële verplichting niet langer op in geval de voorwaarden van de financiële verplichtingen aangepast werden en de kasstromen uit deze aangepaste financiële verplichting aanzienlijk verschillend zijn. In dat geval wordt de financiële verplichting gebaseerd op de aangepaste modaliteiten opgenomen aan reële waarde. Op het moment van de afvloeiing van de oorspronkelijke financiële verplichting wordt het verschil tussen de afgeboekte verplichting en het betaalde bedrag geboekt in de winst- en verliesrekening.
De Groep maakt gebruik van derivaten voor het beheer van wisselkoersrisico’s en van risico’s verbonden aan schommelingen van grondstofprijzen die voortvloeien uit de operationele, financiële en investeringsactiviteiten. De Groep gebruikt volgende types van derivaten: wisselkoers- en swap-contracten gebruikt als afdekkingsinstrument waarvoor ‘hedge accounting’ wordt toegepast en overige wisselkoersen en swap-contracten. De Groep gebruikt termijnwisselcontracten om de variabiliteit in te dekken van de kasstromen afkomstig van wisselkoers fluctuaties verbonden aan toekomstige verkopen. De Groep gebruikt eveneens ‘metal-swap’-overeenkomsten om fluctuaties in te dekken van zeer waarschijnlijke aankopen van aluminium. Deze contracten zijn aangeduid als kasstroomafdekkingen van aankopen van grondstoffen in lijn met het verwachte gebruik van grondstoffen door de Groep.
Derivaten die niet aangeduid zijn als kasstroomafdekkingen worden opgenomen aan reële waarde met waardeveranderingen opgenomen in de winst- en verliesrekening. In het kader van haar huidige thesauriepolitiek wendt de Groep geen derivaten aan voor handelsdoeleinden.
Derivaten worden initieel, op het ogenblik dat het derivaat wordt afgesloten, opgenomen aan reële waarde en vervolgens geherwaardeerd aan reële waarde. Wanneer ‘cashflow hedge accounting’ of ‘net investment hedge accounting’ wordt toegepast, wordt het effectieve deel van de winst of verlies opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten, het niet-effectieve deel wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening. Transactiekosten met betrekking tot financiële activa en passiva gewaardeerd aan reële waarde met waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening worden in de winst- en verliesrekening geboekt.
De Groep heeft volgende categorieën van derivaten: afdekkingsinstrumenten en derivaten geclassificeerd als aangehouden voor handelsdoeleinden.
Termijnwisselcontracten en swap-contracten aangeduid als kasstroomafdekkingen kwalificeren beide als ‘Afdekkingsinstrumenten’. Na eerste opname worden ze gewaardeerd tegen reële waarde. Wanneer aan alle voorwaarden opgelegd voor ‘hedge accounting’ is voldaan, wordt deze toegepast. Dit betekent dat de vereiste documentatie voorhanden is, dat de afdekkingsrelatie kan worden aangetoond en dat de afdekking effectief is. Wanneer ‘hedge accounting’ wordt toegepast, wordt het effectieve gedeelte van de reële waardeveranderingen opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten, het deel dat niet effectief is wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Wat ‘hedge accounting’ betreft, past de Groep IFRS 9 toe. Deze standaard vereist dat de aangeduide afdekkingstransacties in overeenkomst zijn met de objectieven van de Groep inzake risicobeheer en strategie en dat een meer kwalitatieve en toekomstgerichte benadering gebruikt wordt in het bepalen van de effectiviteit van de afdekkingstransactie.
De Groep gebruikt termijnwisselcontracten om het valutarisico met betrekking tot zeer waarschijnlijke toekomstige verkopen in te dekken. Veranderingen in de reële waarde van het termijnwisselcontract ten gevolge van veranderingen in contantwisselkoersen worden aangeduid als effectief in kasstroomafdekkingen en worden bijgevolg erkend in niet-gerealiseerde resultaten. Overeenkomstig de IFRS 9 standaard zal het verschil tussen termijnkoers en contantkoers eveneens geboekt worden in de winst- en verliesrekening in de netto financieringslasten.
De Groep maakt gebruik van ‘metal swap’-overeenkomsten die het risico op prijsschommelingen van aluminium indekken. Deze contracten zijn aangeduid als kasstroomafdekkingen en zijn afgesloten voor de levering van grondstoffen in overeenstemming met het verwachte verbruik van de Groep. Onder de IAS 39 standaard en ook onder de huidige IFRS 9 worden veranderingen in de reële waarde van deze afdekkingsinstrumenten geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten en overgeboekt naar de initiële boekwaarde van de voorraad.
De types van afdekkingsrelaties dat de Groep momenteel aanduidt, voldoen aan de vereisten van IFRS 9 en zijn in overeenstemming met de strategie en doelstellingen van de Groep inzake risicobeheer.
Ingeval de afdekking niet meer voldoet aan de vereisten van ‘hedge accounting’ of ingeval het afdekkingsinstrument verkocht wordt, vervalt, beëindigd of uitgeoefend wordt, dan wordt de afdekkingsrelatie voor de nog resterende periode beëindigd.
Wanneer de ‘hedge accounting’ beëindigd wordt, dan blijft het bedrag dat in de niet-gerealiseerde resultaten geboekt werd daar behouden tot het moment dat het afgedekte item erkend wordt in de gevallen dat het gaat over een niet-financiële afgedekt actief. In de gevallen dat het gaat over andere kasstroomafdekkingen, dan wordt de reële waarde van de afdekkingsinstrumenten tot dan geboekt in de niet-gerealiseerde resultaten afgeboekt in de winst- en verliesrekening op het moment dat het afgedekte actief eveneens in de winst- en verliesrekening geboekt wordt. In de gevallen dat de toekomstige transactie niet meer geacht wordt plaats te vinden, dan wordt de reële waarde van de afdekkingsinstrumenten onmiddellijk geherklasseerd vanuit de niet-gerealiseerde resultaten naar de winst- en verliesrekening.
Derivaten die economische afdekkingen zijn, doch die niet voldoen aan de strikte criteria voor ‘hedge accounting’ zoals voorgeschreven door IFRS 9 Financiële instrumenten, worden boekhoudkundig verwerkt als financiële activa of financiële verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening en worden opgenomen in de categorie ‘Verplicht gewaardeerd aan reële waarde met reële waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening’.
In de winst- en verliesrekening worden de waardeveranderingen opgenomen onder de overige bedrijfsopbrengsten/-kosten of de netto financieringslasten afhankelijk van de aard van het actief dat economisch ingedekt is.
Goodwill en immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur worden jaarlijks op bijzondere waardevermindering getoetst en elke keer wanneer er een aanwijzing bestaat dat zij mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan. Het toetsen op bijzondere waardevermindering gebeurt ieder jaar op hetzelfde ogenblik en op het niveau van de kasstroomgenererende eenheid. De Groep bepaalt haar kasstroomgenererende eenheden in overeenkomst met de wijze waarop ze haar goodwill beheert en economische voordelen krijgt van de verworven goodwill en immateriële activa. Het toetsen op bijzondere waardevermindering gebeurt door het vergelijken van de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheden met hun realiseerbare waarde, gebaseerd op hun verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tegen een gepaste disconteringsvoet voor belastingen.
De disconteringsvoet die gebruikt wordt in de bepaling van de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen is een disconteringsvoet die gebaseerd is op een gewogen gemiddelde kapitaalkost (WACC). Deze gewogen gemiddelde kapitaalkost gebruikt een verhouding vreemd vermogen versus eigen vermogen van een gemiddelde marktparticipant waarbij een extra risicocomponent toegevoegd werd aan de kost van eigen vermogen. De kost van vreemd vermogen is gebaseerd op voorwaarden die vergelijkbare bedrijven voor hun langetermijn financiering zouden kunnen negotiëren.# 50.13 Waardeverminderingen op activa
Het risico verbonden aan de verwachtingen van de prijsevoluties van zilver en aluminium is weerspiegeld in de toekomstige kasstromen. Er wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt indien de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid zijn realiseerbare waarde overtreft. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening. Op iedere rapporteringsdatum dient te worden nagegaan of er een aanwijzing bestaat dat de boekwaarden van de materiële vaste activa, immateriële activa met een beperkte gebruiksduur en financiële activa mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan. Indien een dergelijke indicatie bestaat, wordt de realiseerbare waarde van het actief geraamd. Er wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt als de boekwaarde van een actief zijn realiseerbare waarde overtreft. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening en de boekwaarde van het desbetreffende actief wordt verminderd door gebruik te maken van een aparte rekening. De realiseerbare waarde van de materiële vaste activa en immateriële activa met een beperkte gebruiksduur is de hoogste waarde van de reële waarde minus verkoopkosten en de gebruikswaarde. Voor de bepaling van de gebruikswaarde worden de geschatte toekomstige kasstromen verdisconteerd naar hun contante waarde op basis van een disconteringsvoet voor belastingen die de tijdswaarde van geld en de aan het actief verbonden specifieke risico’s weerspiegelt. Een bijzonder waardeverminderingsverlies dat in voorgaande perioden voor een actief, met uitsluiting van goodwill, werd opgenomen, wordt teruggeboekt als en slechts als er sinds de opname van het laatste bijzonder waardeverminderingsverlies een wijziging heeft plaatsgevonden in de schattingen die gebruikt worden om de realiseerbare waarde van het actief te bepalen.
Op elke rapporteringsdatum analyseert de Groep al haar recht-op-gebruik activa om na te gaan of er geen bijzondere waardevermindering dient geboekt te worden. Een indicatie tot mogelijk bijzonder waardeverminderingsverlies kan zijn dat een contract aangegaan als leasingnemer verlieslatend wordt in welk geval een bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt wordt, zijnde de laagste reële waarde van de verwachte kost om het contract te beëindigen en de verwachte nettokost om het contract toch verder te laten lopen. Een geboekt bijzonder waardeverminderingsverlies wordt tegengedraaid, enkel wanneer de boekwaarde van het actief niet hoger is dan de waarde die zou zijn vastgesteld na aftrek van afschrijvingen indien er geen bijzonder waardeverminderingsverlies geboekt zou zijn geweest.
De IFRS 9 standaard vervangt het model dat gebruikt wordt voor het boeken van bijzondere waardeverminderingsverliezen en dat gebaseerd is op opgelopen verliessituaties door een model dat gebaseerd is op verwachte verliezen op het moment dat het actief voor de eerste maal geboekt wordt. Dit vereist aanzienlijke beoordelingen over hoe veranderingen in economische factoren de verwachte verliezen kunnen beïnvloeden. De Groep zal de vereenvoudigde methode toepassen voor de evaluatie van handelsvorderingen, leasevorderingen en contractuele activa verbonden aan contracten met klanten wat inhoudt dat verwachte verliezen voor deze categorieën van activa steeds berekend worden ten belope van de verwachte verliezen over de gehele looptijd van de activa. Kredietverliezen worden berekend als de verdisconteerde waarde van alle tekorten in kasstromen zijnde het verschil tussen de kasstromen waar de onderneming recht op heeft en wat de onderneming verwacht te ontvangen. Een financieel actief is mogelijk in waarde verminderd door kredietverliezen indien één of meerdere voorvallen zich hebben voorgedaan die een nadelig effect hebben op de toekomstige kasstromen van het financieel actief. De gebruikte input en veronderstellingen in dit verwachte verliesmodel zijn de volgende: ernstige financiële moeilijkheden waarin een tegenpartij zich zou bevinden, achterstallen van meer dan 90 dagen na vervaldatum van de factuur, een
mogelijk faillissement van de tegenpartij, … De evaluatie voor het boeken van eventuele bijzondere waardeverminderingsverliezen houdt rekening met toekomstgerichte elementen. Alle debiteuren worden gegroepeerd in risicocategorieën gebaseerd op kwantitatieve en kwalitatieve kenmerken. Deze indeling in risicocategorieën wordt ieder jaar beoordeeld, rekening houdend met relevante toekomstgerichte informatie zoals informatie van externe kredietbeoordelingsbureaus, ouderdomsanalyse van de business, landenrisico en de individuele beoordeling van de kredietmanager. De Groep tracht het kredietrisico te beperken door gebruik te maken van kredietverzekering en andere kredietverzachtende hulpmiddelen zoals wissels, bankgaranties, hypotheek. De methodologie, gehanteerd door de Groep voor de evaluatie van bijzondere waardeverminderingsverliezen, is dus gebaseerd op individueel nazicht van uitstaande vorderingen rekening houdend met toekomstgerichte informatie. Daarom heeft de introductie van IFRS 9 geen kwantitatieve impact gehad op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep. Waardeverminderingen op financiële activa aan geamortiseerde kostprijs worden geboekt in de winst- en verliesrekening en netto gepresenteerd van de brutowaarden in de geconsolideerde balans. Waardeverminderingen op financiële activa gewaardeerd aan reële waarde met waardeveranderingen in de niet-gerealiseerde resultaten worden geboekt in de winst- en verliesrekening. De brutowaarde van de financiële activa worden afgeboekt wanneer er geen redelijke verwachtingen zijn dat het financieel actief in zijn geheel of gedeeltelijk kan gerecupereerd worden. De Groep maakt een individuele inschatting per type van actief of dat er al dan niet een redelijke verwachting van recuperatie kan zijn. Afgeboekte waarden maken nog steeds deel uit van acties die de Groep onderneemt ter recuperatie van de uitstaande waarden.
Bij het aangaan van een overeenkomst beoordeelt de Groep of het contract al dan niet een leasecomponent bevat. Een overeenkomst bevat een leasecomponent als de overeenkomst het gebruiksrecht van een gespecificeerd actiefbestanddeel overbrengt in ruil voor een vergoeding. Ter beoordeling van het feit of dat het contract al dan niet een gebruiksrecht overdraagt, baseert de Groep zich op de definitie van een leaseovereenkomst uit de standaard IFRS 16.
Bij aanvang of aanpassing van een contract dat een leasecomponent bevat, zal de Groep de verkoopprijs van het contract toewijzen naar elke leasecomponent op basis van de relatieve verkoopprijs wanneer deze componenten apart verkocht worden. De Groep heeft ervoor geopteerd om de niet-leasecomponenten niet af te zonderen en zal zowel de leasecomponenten als de niet-leasecomponenten behandelen als éénzelfde leaseovereenkomst. Op de aanvangsdatum van de lease erkent de Groep een met een gebruiksrecht overeenstemmend actief en een leaseverplichting. Het gebruiksrecht wordt initieel bij eerste opname geboekt aan kostprijs, die bestaat uit het bedrag van eerste waardering van de leaseverplichting, alle op of voor de aanvangsdatum verrichte leasebetalingen, vermeerderd met alle door de leasingnemer gemaakte initiële directe kosten en een schatting van de door de leasingnemer te maken kosten voor ontmanteling en verwijdering van het onderliggend actief en van het herstel van het terrein waar het zich bevindt, verminderd met alle ontvangen lease-incentives. Het gebruiksrecht wordt na eerste opname lineair afgeschreven vanaf aanvangsdatum tot einde looptijd van het contract. Indien de leaseovereenkomst de eigendom van het onderliggende actief aan het einde van de leaseperiode aan de leasingnemer overdraagt of indien de kosten van het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief weerspiegelen dat de leasingnemer een aankoopoptie zal uitoefenen, moet de leasingnemer het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief afschrijven vanaf de aanvangsdatum tot aan het einde van de gebruiksduur van het onderliggende actief. Anders moet de leasingnemer het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief afschrijven vanaf de aanvangsdatum tot het vroegste van de volgende twee momenten: het einde van de gebruiksduur van het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief of het einde van de leaseperiode. Het gebruiksrecht dient periodiek verminderd te worden met eventuele bijzondere waardeverminderingsverliezen, en aangepast worden voor bepaalde herwaarderingen van de leaseverplichting. Op de aanvangsdatum moet een leasingnemer de leaseverplichting waarderen tegen de contante waarde van de leasebetalingen die op die datum niet zijn verricht. De leasebetalingen moeten worden gedisconteerd op basis van de impliciete rentevoet van de leaseovereenkomst, mits die op eenvoudige wijze kan worden bepaald. Indien die rentevoet niet op eenvoudige wijze kan worden bepaald, moet de leasingnemer de marginale rentevoet van de Groep gebruiken. De Groep gebruikt in het algemeen haar marginale rentevoet als verdisconteringsvoet. De verdisconteringsvoet wordt tweemaal per jaar berekend als het rendement op een overheidsobligatie per land met vergelijkbare resterende looptijd (bron: Reuters), verhoogd met een risicopremie die het risicoprofiel van de Groep weergeeft. Deze risicopremie verschilt van het landenrisico volgens de OESO. Afhankelijk van een laag, medium of hoog landenrisico wordt een verschillende risicocomponent toegevoegd.# Op deze manier wordt er een matrix van marginale rentevoeten samengesteld met zes verschillende looptijdcategorieën en 50 landen. De leasebetalingen vervat in de waardering van de leaseverplichting omvatten:
Er zijn geen leasecontracten waarvoor verwacht wordt dat de Groep een residuele restwaarde dient te betalen. De leaseverplichting wordt gewaardeerd tegen de contante waarde op basis van de eectieve interestmethode. De leasever- plichting dient geherwaardeerd te worden bij veranderingen in de leasebetalingen ten gevolge van wijzigingen in een index of rentevoet indien er een aanpassing is van de beoordeling of een aankoopoptie al dan niet zal uitgeoefend worden, een verlenging zal doorgevoerd worden van de leasetermijn of een vervroegde beëindiging, of indien er een wijziging is van de in wezen vaste betaalde leaseverplichtingen. Het bedrag van de herwaardering van de leaseverplichting wordt opgenomen als een aanpassing van het met een gebruiksrecht overeenstemmende actief. Indien de boekwaarde van het met een gebruiks- recht overeenstemmende actief echter tot nul is afgeboekt en er van een verdere vermindering van de waardering van de leaseverplichting sprake is, moet een leasingnemer elk resterend bedrag van de herwaardering in winst of verlies opnemen. De Groep heeft ervoor geopteerd om geen gebruiksrecht en geen leaseverplichtingen te erkennen voor leaseovereenkom- sten met een lage waarde (voornamelijk IT-materiaal) en leasecontracten met een korte looptijd van minder dan 12 maan- den. De Groep erkent de leasebetalingen voor deze contracten in de winst- en verliesrekening evenredig gespreid over de leasetermijn. In de geconsolideerde balans worden de gebruiksrechten apart voorgesteld en zitten de leaseverplichtingen vervat in rente- dragende verplichtingen. De leasebetalingen die vervallen binnen de 12 maanden na balansdatum worden voorgesteld als kortlopende verplichtingen, deze die vervallen meer dan 12 maanden na balansdatum worden voorgesteld als langlopende verplichtingen.
Wanneer de Groep leasinggever is, wordt bij aanvang van het leasecontract bepaald of de lease een nanciële lease dan wel een operationele lease is. Om elk contract te classiceren, maakt de Groep een algemene inschatting of dat de leaseovereen- komst al dan niet alle aan het eigendom verbonden risico’s en voordelen overdraagt naar de klant. Als dit het geval is wordt het contract behandeld als een nanciële leaseovereenkomst, indien niet dan wordt het behandeld als een operationele leaseovereenkomst. De algemene inschatting houdt rekening met bepaalde indicatoren zoals of dat de leaseovereenkomst aangegaan wordt voor het belangrijkste deel van de economische levensduur van het actief. Het overgrote deel van de leaseovereenkomsten wordt afgesloten met Agfa Finance (zijnde Agfa Finance NV, Agfa Finance Corp. en Agfa Finance Inc.). Op leaseovereenkomsten aangegaan uit hoofde van de producent wordt op basis van de grondslagen voor de erkenning van opbrengsten uit de verkoop van goederen een verkoopwinst erkend. Dit betekent dat de Onderneming opbrengsten en daaraan gerelateerde winstmarge erkent op het ogenblik dat de fabriekseenheid of een verbonden onderneming Agfa Finance factureert bij het begin van de leaseovereenkomst met de eindklant. Een commerciële overeenkomst waarbij een bepaald toestel wordt genancierd door een halange- of langetermijnovereenkomst waarbij de klant zich verbindt tot het kopen van een bepaalde hoeveelheid verbruiksgoederen aan een hogere waarde dan hun marktwaarde wordt een ‘bundle deal’ genoemd. Betalingen voor nanciële leaseovereenkomsten afgesloten in de vorm van ‘bundle deals’ worden aange- wend voor de aossing van de openstaande invorderbare minimale leasebetalingen en de vergoeding voor de verkochte verbruiksgoederen op basis van hun verkoopprijs wanneer ze apart worden verkocht.
262 TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
Invorderbare minimale leasebetalingen waarbij de Groep als leasinggever alle aan het eigendom verbonden risico’s en voordelen overdraagt naar de klant worden opgenomen als vordering voor een bedrag gelijk aan de contante waarde van de toekomstige minimale leasebetalingen. Baten uit nanciële leaseovereenkomsten – gerapporteerd onder ‘Overige bedrijfs- opbrengsten’ – worden vervolgens zodanig aan iedere periode van de totale leasetermijn toegerekend dat dit resulteert in een constante periodieke rentevoet. In de balans worden vorderingen uit nanciële leaseovereenkomsten apart gepresenteerd. Vorderingen uit nanciële leaseovereenkomsten die vervallen binnen het jaar worden gepresenteerd als kortlopende activa. Vorderingen uit nanci- ele leaseovereenkomsten die vervallen op meer dan één jaar na balansdatum worden gepresenteerd als langlopende activa. De Groep hanteert de regelgeving omtrent uitboeking en bijzondere waardevermindering zoals gestipuleerd door IFRS 9 op het netto investeringsbedrag van de lease. Opbrengsten uit operationele leaseovereenkomsten voor de verhuur van bedrijfsruimte en -uitrusting – gerapporteerd onder ‘Opbrengsten’ – worden lineair over de looptijd van de lease opgenomen.
Overige activa omvatten uitgestelde kosten en andere niet-nanciële activa. Uitgestelde kosten betreen door de Onder- neming voor balansdatum betaalde bedragen die betrekking hebben op kosten voor toekomstige boekjaren (vooruitbeta- lingen). Voorbeelden van uitgestelde kosten zijn de huurgelden, interesten en verzekeringspremies, betaald voor balansda- tum maar met betrekking tot een welbepaalde periode na balansdatum. Niet-nanciële activa worden gewaardeerd aan kostprijs. Uitgestelde kosten worden lineair of naarmate de betreende diensten worden verstrekt, opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Grondstoen, hulpgoederen en handelsgoederen zijn gewaardeerd aan aanschangswaarde. Goederen in bewerking en afgewerkte producten zijn gewaardeerd aan kostprijs. De kostprijs omvat naast de directe productie- en materiaalkosten, een evenredig deel van de indirecte kosten (‘overheads’) van de productie en het materiaal en een evenredig deel van de afschrijvingen van de activa die in het productieproces werden gebruikt. Bovendien wordt een evenredig deel van de kos- ten voor het bedrijfspensioenplan en andere vrijwillige personeelsbeloningen toegerekend. Administratiekosten zijn in- begrepen voor zover ze verband houden met de productie. De voorraden worden gewaardeerd volgens de methode van de gewogen gemiddelde kostprijs. Indien de aanschangswaarde of de kostprijs hoger is dan de opbrengstwaarde, wordt de waardering aan de lagere opbrengstwaarde toegepast. De opbrengstwaarde is gelijk aan de geschatte normale verkoopprijs, verminderd met de geschatte kosten die nodig zijn om de verkoop te realiseren. De aanschangswaarde of kostprijs van de voorraad is om volgende redenen mogelijks niet recupereerbaar:
Binnen de Groep zijn afwaarderingen van voorraden voornamelijk het gevolg van overtollige voorraden.
Geldmiddelen en kasequivalenten omvatten geldmiddelen, ontvangen cheques en saldi ten opzichte van banken en kre- dietinstellingen. Kasequivalenten zijn erg liquide nanciële instrumenten op korte termijn die weinig onderhevig zijn aan risico’s op waardeverandering, gemakkelijk te converteren zijn in geldmiddelen en een vervaldag hebben gelijk aan of minder dan drie maanden na aanschang van de belegging.
Gewone aandelen worden opgenomen in het eigen vermogen.
263 AgfA-gevAert – jAArverslAg 2022
Transactiekosten verbonden aan de uitgifte van nieuwe aandelen worden netto na aftrek van belastingen opgenomen in mindering van ingehouden winsten. Indien aandelen die het eigen vermogen vertegenwoordigen terug worden ingekocht, wordt het betaalde bedrag met inbe- grip van de aanverwante kosten, netto na aftrek van belastingen, in mindering gebracht van het eigen vermogen. Ingekoch- te eigen aandelen worden als ‘Reserve voor eigen aandelen’ in mindering van het eigen vermogen gebracht. Ingekochte ei- gen aandelen worden in de balans opgenomen op afwikkelingsdatum. Vernietigde eigen aandelen worden getransfereerd van ‘Reserve voor eigen aandelen’ naar ‘Ingehouden winsten’. Indien de eigen aandelen verkocht worden dan wordt het ontvangen bedrag geboekt als een stijging van het eigen vermogen en het eventuele surplus/decit op de transactie wordt geboekt in ‘Uitgiftepremie’.
Voorzieningen worden in de balans opgenomen indien een onderneming van de Groep een bestaande verplichting heeft (in rechte afdwingbare of feitelijke) ten gevolge van een gebeurtenis van het verleden en als het waarschijnlijk is dat de afwikkeling van deze verplichting resulteert in een uitstroom van middelen die economische voordelen in zich bergen en een betrouwbare inschatting gemaakt kan worden van het bedrag van de verplichting.# TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
Het bedrag van de voorziening is gebaseerd op de best mogelijke schatting van de uitgaven die vereist zijn om de bestaande verplichting op de rapporteringsdatum af te wikkelen. Indien het effect van de tijdswaarde van geld materieel is, worden voorzieningen verdisconteerd op basis van een disconteringsvoet vóór belastingen waarbij rekening wordt gehouden met de huidige marktbeoordelingen voor de tijdswaarde van het geld en de risico’s die inherent zijn aan de verplichting.
Een voorziening voor reorganisatiekosten wordt geboekt indien de Groep formeel een gedetailleerd reorganisatieplan heeft goedgekeurd en bij de betrokkenen een geldige verwachting heeft gewekt dat de reorganisatie zal worden doorgevoerd door het plan te beginnen uitvoeren of door de belangrijke kenmerken ervan mee te delen aan de betrokkenen. Voor toekomstige exploitatieverliezen worden geen voorzieningen opgenomen.
Indien er terreinen vervuild zijn, dan wordt er, in overeenstemming met de gepubliceerde milieupolitiek van de Groep en de van toepassing zijnde wettelijke verplichtingen, een voorziening voor bodemsanering aangelegd.
Omzetgerelateerde voorzieningen omvatten voornamelijk commissies op opbrengsten, voorzieningen voor garantieverplichtingen en commerciële betwistingen. Een voorziening voor garantieverplichtingen gerelateerd aan producten wordt aangelegd op moment van opbrengstenerkenning en reflecteert de verwachte vervangingskost voor de Groep.
Een voorziening voor verlieslatende contracten wordt erkend wanneer de verwachte voordelen van een contract voor de Groep lager zijn dan de onvermijdbare kosten van het contract. De onvermijdbare kosten van het contract zijn gebaseerd op de incrementele kosten voor de uitvoering van de verplichting en een toewijzing van overige kosten die direct toewijsbaar zijn aan de uitvoering van het contract. Provisies worden geboekt voor dreigende verliezen uit aankoop- en verkoopcontracten ten belope van de verwachte verliezen.
De Groep past IFRS 15 Opbrengsten uit contracten met klanten toe. IFRS 15 heeft de begrippen ‘Contractuele activa en contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten’ geïntroduceerd. Contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten omvatten uitgestelde opbrengsten en vooruitbetalingen evenals de tijdens het jaar opgebouwde verplichtingen voor omzetkortingen en rabatten met betrekking tot tijdens het boekjaar geleverde goederen en diensten.
Overige verplichtingen hebben voornamelijk betrekking op bedrijfsopbrengsten die nog niet verworven zijn. Overheids- subsidies zijn een typisch voorbeeld van uitgestelde overige bedrijfsopbrengsten. Ze worden als bedrijfsopbrengst in de winst- en verliesrekening opgenomen zodra er redelijke zekerheid bestaat dat zij zullen worden ontvangen en dat de Groep zal voldoen of reeds voldoet aan de daaraan verbonden voorwaarden. Subsidies ter compensatie van door de Groep gemaakte kosten worden in de winst- en verliesrekening opgenomen in dezelfde functionele rapporteringslijn waar tevens de kosten worden gepresenteerd. Zij worden systematisch aan de kosten toegewezen waarop ze betrekking hebben. Subsidies, toegekend voor de aankoop of productie van activa (immateriële activa of materiële vaste activa), worden bij eerste opname in de balans gepresenteerd als uitgestelde overige bedrijfsopbrengsten en vervolgens in de winst- en verliesrekening opgenomen, gespreid over de gebruiksduur van het actief. Overheidssubsidies toegekend voor toekomstige kosten worden verwerkt als uitgestelde overige verplichtingen.
Een aantal reeds gepubliceerde IFRS standaarden, herzieningen aan IFRS standaarden en nieuwe interpretaties van IFRS standaarden waren nog niet van kracht per 31 december 2022 en werden dus niet toegepast in de opstelling van de geconsolideerde jaarrekening. De Groep zal deze standaarden toepassen nadat deze zijn goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie. Het betreft:
Aanpassingen aan IFRS 16 Leaseverplichtingen: leaseverplichting in een sale- en leaseback-transactie
In september 2022 publiceerde de IASB aanpassingen aan IFRS 16 Leaseverplichtingen betreffende de behandeling van de leaseverplichting in een sale- en leaseback-transactie. Deze aanpassingen zijn van toepassing op jaarperioden die aanvangen op 1 januari 2024. Eerdere toepassing is toegelaten. De aanpassing aan IFRS 16 bepaalt de vereisten die de verkoper en leasingnemer in acht dienen te nemen bij de bepaling van de leaseverplichting in een sale- en leaseback-transactie zodat de verkoper/leasingnemer geen winsten of verliezen zal erkennen met betrekking tot het gebruiksrecht dat behouden blijft. Een sale- en leaseback-transactie omvat de overdracht van een actief door een onderneming (verkoper/leasingnemer) aan een andere vennootschap (koper/leasinggever) en het terug leasen van hetzelfde actief door de verkoper/leasingnemer. Deze aanpassing is bedoeld om de vereisten voor dergelijke transacties te verbeteren in IFRS 16. Het verandert niets aan de boekhoudkundige verwerking van leaseovereenkomsten die niet gerelateerd zijn aan een sale- en leaseback-overeenkomst. Deze aanpassing werd bekrachtigd door de Europese Unie in januari 2023. De toepassing van deze aanpassing zal geen materieel impact hebben op de geconsolideerde staten van de Groep.
Aanpassingen aan IAS 1 Presentatie van financiële staten: Classificatie van verplichtingen als langlopend of als kortlopend, en uitstel van effectieve datum
In januari 2020 publiceerde de IASB aanpassingen aan IAS 1 met betrekking tot de classificatie van verplichtingen. Deze aanpassingen zijn van toepassing op jaarperioden die aanvangen op of na 1 januari 2022 en dienen retroactief toegepast te worden. De aanpassingen aan Classificatie van verplichtingen als langlopend of als kortlopend (IAS 1 aanpassingen) hebben enkel betrekking op de presentatie van verplichtingen in de balans en niet op het bedrag noch op het tijdstip van erkenning van een activa, verplichting, inkomsten of kosten noch op de toelichtingen omtrent deze items. Een onderneming classificeert verplichtingen als langlopend indien deze het recht heeft om de terugbetaling ervan uit te stellen tot 12 maanden na rapporteringsdatum. De aanpassingen aan de standaard specificeren dat de classificatie van verplichtingen als langlopend of als kortlopend gebaseerd dient te zijn op rechten die reeds bestonden op balansdatum. Ze verduidelijken tevens dat de classificatie losstaat van het feit of dat de entiteit de intentie heeft om al dan niet gebruik te maken om de terugbetaling uit te stellen. De IASB heeft verdere aanpassingen aan IAS 1 voorgesteld evenals een uitstel van effectieve datum naar perioden die aanvangen niet later dan 1 januari 2024. Deze aanpassingen werden nog niet bekrachtigd door de Europese Unie. De toepassing van deze aanpassingen zal geen materieel impact hebben op de geconsolideerde financiële staten van de Groep.
Aanpassingen aan IAS 1: Langlopende verplichtingen met covenanten
In oktober 2022 publiceerde de IASB een aanpassing op IAS 1 Langlopende verplichtingen met covenanten, toepasbaar op jaarperioden die aanvangen op of na 1 januari 2024. Eerdere toepassing is toegelaten. De aanpassingen verduidelijken op welke basis een entiteit de classificatie van schuld en andere financiële verplichtingen tussen kortlopend of langlopend maakt in bepaalde omstandigheden. De aanpassingen van 2022 stipuleren dat enkel covenanten waar een entiteit dient aan te voldoen op rapporteringsdatum kunnen bepalen of een verplichting kan geclassificeerd worden als kortlopend of als langlopend. De aanpassingen van 2022, in tegenstelling tot de voorstellen van in de ‘Exposure Draft’ van 2021, stipuleren dat de verplichtingen, die op basis van het al dan niet voldoen aan toekomstige covenanten, eventueel met 12 maanden uitgesteld zouden kunnen worden, niet als langlopend dienen gepresenteerd te worden. De aanpassingen van 2022 vereisen wel dat de entiteiten informatie aangaande deze covenanten en desbetreffende verplichtingen dienen toe te lichten. Deze aanpassingen werden nog niet bekrachtigd door de Europese Unie. De Groep zal ze toepassen na bekrachtiging. De toepassing van deze aanpassingen zullen geen materieel impact hebben op de geconsolideerde staten van de Groep.
Aanpassingen aan IAS 1 Presentatie van Financiële Staten en IFRS ‘Practice statement 2’: Toelichting van waarderingsregels uitgegeven op 12 februari 2021
Deze aanpassingen bevatten kleinere aanpassingen om de toelichtingen van waarderingsregels te verbeteren zodat deze meer bruikbare informatie bevatten voor investeerders en gebruikers van de financiële staten. De aanpassingen vereisen dat ondernemingen hun belangrijkste van toepassing zijnde waarderingsregels toelichten eerder dan meer algemene waarderingsregels. De aanpassingen vervat in ‘Practice statement 2’ bevat richtlijnen over hoe het concept van materialiteit kan toegepast worden wanneer het gaat over waarderingsregels. De aanpassingen zijn van toepassing voor jaarperioden die aanvangen op of na 1 januari 2023 waarbij eerdere toepassing toegelaten is. Deze aanpassingen werden bekrachtigd door de Europese Unie. De toepassing van deze aanpassingen zal geen materieel effect hebben op de geconsolideerde staten van de Groep.# TOELICHTING BIJ DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
In februari 2021 heeft de IASB aanpassingen aan IAS 8 gepubliceerd om te verduidelijken hoe de ondernemingen een verschil dienen te maken tussen veranderingen in waarderingsregels en veranderingen aan boekhoudkundige inschattingen. Dit verschil is belangrijk daar veranderingen aan boekhoudkundige inschattingen prospectief toegepast dienen te worden op toekomstige transacties en andere toekomstige gebeurtenissen terwijl veranderingen aan waarderingsregels in het algemeen retrospectief dienen toegepast te worden op voorbije transacties en andere voorbije gebeurtenissen.
De aanpassingen zijn van toepassing voor jaarperioden die aanvangen op of na 1 januari 2023 waarbij eerdere toepassing toegelaten is. Deze aanpassingen werden bekrachtigd door de Europese Unie. De toepassing van deze aanpassingen zal geen materieel effect hebben op de geconsolideerde staten van de Groep.
In mei 2021 publiceerde de IASB aanpassingen aan IAS 12 die verduidelijken hoe ondernemingen uitgestelde belastingen dienen te boeken op bepaalde transacties zoals leaseovereenkomsten en ontmantelingsvoorzieningen. IAS 12 Winstbelastingen bepaalt hoe een onderneming winstbelastingen, inclusief uitgestelde belastingen die te betalen of terug te vorderen belastingen in de toekomst omvatten, dient te bepalen. In bepaalde omstandigheden zijn ondernemingen vrijgesteld van belastingen op de eerste erkenning van activa en verplichtingen. Voorheen was er een onduidelijkheid of deze vrijstelling tevens van toepassing was op leaseovereenkomsten en ontmantelingsvoorzieningen – transacties waarvoor ondernemingen zowel een activa als een verplichting boeken. De aanpassingen verduidelijken dat de vrijstelling niet van toepassing is en dat ondernemingen uitgestelde belastingen dienen te erkennen op dergelijke transacties. Het doel van de aanpassingen is om de diversiteit in de rapportering van uitgestelde belastingen op leaseovereenkomsten en ontmantelingsvoorzieningen te verminderen.
De aanpassingen zijn van toepassing voor jaarperioden die aanvangen op of na 1 januari 2023 waarbij eerdere toepassing toegelaten is. Deze aanpassingen werden bekrachtigd door de Europese Unie. De toepassing van deze aanpassingen zal geen materieel effect hebben op de geconsolideerde staten van de Groep.
Volgende veranderingen werden niet verder toegelicht en worden niet verwacht een materiële impact te hebben op de geconsolideerde financiële staten. Het betreft:
In het kader van de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van Agfa-Gevaert NV (de “Vennootschap”) en zijn dochterondernemingen (samen de “Groep”), leggen wij u ons commissarisverslag voor. Dit bevat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2022, alsook de overige door wet- en regelgeving gestelde eisen. Dit vormt een geheel en is ondeelbaar.
Wij werden benoemd in onze hoedanigheid van commissaris door de algemene vergadering van 10 mei 2022, overeenkomstig het voorstel van het bestuursorgaan uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité en op voordracht van de ondernemingsraad. Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening afgesloten op 31 december 2024. Wij zijn niet in staat geweest de datum van onze initiële benoeming te bepalen. Wij kunnen bevestigen dat we de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van Agfa-Gevaert NV hebben uitgevoerd gedurende tenminste 45 opeenvolgende boekjaren.
Wij hebben de wettelijke controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van de Groep over het boekjaar afgesloten op 31 december 2022 opgesteld in overeenstemming met de IFRS standaarden zoals uitgegeven door de International Accounting Standards Board en zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften. Deze geconsolideerde jaarrekening omvat de geconsolideerde balans op 31 december 2022, alsook de geconsolideerde winst- en verliesrekening, het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, het geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht over het boekjaar afgesloten op die datum evenals de toelichting bestaande uit een overzicht van de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige informatieverschaffing.
Het totaal van de geconsolideerde balans bedraagt EUR 1.756 miljoen en de geconsolideerde winst- en verliesrekening sluit af met een verlies van het boekjaar van EUR 223 miljoen.
Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van het vermogen en de financiële toestand van de Groep op 31 december 2022, alsook van haar geconsolideerde resultaten en van haar geconsolideerde kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de IFRS standaarden zoals uitgegeven door de International Accounting Standards Board en zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.
Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens de internationale controlestandaarden (ISA’s) zoals van toepassing in België. Wij hebben bovendien de door IAASB goedgekeurde internationale controlestandaarden toegepast die van toepassing zijn op de huidige afsluitdatum en nog niet goedgekeurd zijn op nationaal niveau. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn verder beschreven in de sectie “Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening” van ons verslag. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid. Wij hebben van het bestuursorgaan en van de aangestelden van de Vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen. Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.
Kernpunten van onze controle betreffen die aangelegenheden die naar ons professioneel oordeel het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode. Deze aangelegenheden zijn behandeld in de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover, en wij verschaffen geen afzonderlijk oordeel over deze aangelegenheden.
We verwijzen naar toelichting 27 “Immateriële activa en goodwill” en naar toelichting 50.13 “Bijzondere waardeverminderingen” van de geconsolideerde jaarrekening.
Omschrijving
De Groep is actief in bedrijfssectoren waar de financiële resultaten worden beïnvloed door concurrentiedruk, een dalende vraag en volatiele grondstofprijzen (zilver en aluminium). Goodwill en immateriële activa met onbeperkte levensduur worden jaarlijks getoetst voor bijzondere waardevermindering in overeenstemming met IAS 36. Het management maakt een inschatting van de realiseerbare waarde door een verdiscontering van verwachte toekomstige kasstromen om te bepalen of deze activa onderhevig zijn aan bijzondere waardeverminderingen op 31 december 2022 en om de grootte van deze bijzondere waardeverminderingen te bepalen. Deze beoordeling wordt uitgevoerd op het niveau van de kasstroomgenererende eenheid.
Bijzondere waardeverminderingen op goodwill en immateriële activa met onbeperkte levensduur is een kernpunt van controle door:
* de omvang van deze balanspositie (zijnde 12,4% van ‘Totaal Activa’); en
* het vereiste inschattingsvermogen van het management om de analyse met betrekking tot de bijzondere waardeverminderingen te beoordelen, met name de inputs die worden gebruikt bij zowel het voorspellen als het verdisconteren van toekomstige kasstromen ter bepaling van de realiseerbare waarde.
Onze controlewerkzaamheden
Onze controlewerkzaamheden omvatten:
The following sections describe other information that is not part of the financial statements and auditor's report.
In Dutch:
We beoordeelden de gepastheid van de waarderingsmethodologie van de Groep en de bepaling van de verdisconteringsvoeten, mede door inschakeling van waarderingsspecialisten. · Verder hebben we sensitiviteitsanalyses uitgevoerd rond de belangrijkste aannames die zijn gebruikt voor het bepalen en het verdisconteren van de kasstroomprognoses, in het bijzonder de verdisconteringsvoeten, groeipercentages en grondstoenprijzen. We hebben onderzocht hoe het management de specieke risicofactoren van de Groep en haar activiteiten heeft verwerkt in de kasstroomprognoses en verdisconteringsvoeten. Na te hebben vastgesteld vanaf wel- ke wijziging de aannames hetzij afzonderlijk hetzij gezamenlijk ervoor zouden zorgen dat goodwill en immateriële activa met onbeperkte levensduur onderhevig zouden zijn aan een bijzondere waardevermindering, hebben we de waarschijnlijkheid van een dergelijke beweging in de belangrijkste aannames beoordeeld. · Verder hebben we de geschiktheid van de toelichtingen van de Groep met betrekking tot bijzondere waardeverminde- ringen beoordeeld, zoals opgenomen in toelichting 27 bij de geconsolideerde jaarrekening.
In English:
We assessed the appropriateness of the Group's valuation methodology and the determination of discount rates, partly by engaging valuation specialists. · Furthermore, we performed sensitivity analyses around the key assumptions used for determining and discounting cash flow forecasts, particularly discount rates, growth rates, and commodity prices. We examined how management has incorporated the Group's specific risk factors and those of its activities into the cash flow forecasts and discount rates. After determining from which changes the assumptions, either individually or jointly, would lead to goodwill and indefinite-lived intangible assets being subject to an impairment loss, we assessed the likelihood of such a movement in the key assumptions. · Furthermore, we assessed the adequacy of the Group's disclosures relating to impairment losses, as included in note 27 to the consolidated financial statements.
We refer to note 17 “Income Taxes” and 50.7.2 “Deferred Income Taxes” of the consolidated financial statements.
Description
The Group has accumulated significant past tax losses and deductible temporary differences for which a deferred tax asset of EUR 91 million was recognized, more than half of which relates to the HealthCare IT division. There is an inherent uncertainty in assessing the availability of future taxable profits, which determines the extent to which deferred tax assets are recognized or not. Due to the magnitude of this position and the judgment required to assess this item, this is a key audit matter.
Our Audit Procedures
Our audit procedures included:
We refer to note 13 “Post-employment benefits” and 50.4 “Employee Benefits” of the consolidated financial statements.
The significant judgments made in valuing the post-employment benefit obligations and the underlying assets. Small changes in assumptions and estimates used to value the Group's net post-employment liabilities could have a significant effect on the Group's financial position.
Our Audit Procedures
Our audit procedures included:
We refer to note 8 “Revenue” and 50.3 “Revenue” in the consolidated financial statements.
Description
The Group reports revenue of EUR 1,857 million for the financial year ended December 31, 2022. We identified revenue recognition as a key audit matter because revenue is one of the Group's most important performance indicators (including management bonus schemes) and is therefore subject to an inherent risk of management manipulation to achieve targets or expectations, and because errors in revenue recognition can materially impact the Group's results for the year. This leads to an increased audit risk concerning the cutoff of revenue recognition in the correct accounting period as well as concerning manual interventions in revenue recognition.
Our Audit Procedures
Our audit procedures included:
We refer to note 4.1 “Management’s assessment regarding the presentation and disclosure of ‘Offset Solutions’ as ‘assets held for sale and discontinued operations’” and 50.11 “Fixed assets held for sale” in the consolidated financial statements.
The magnitude of the impairment loss recognized as of December 31, 2022, relating to tangible fixed assets and right-of-use assets allocated to the Offset Solutions cash-generating unit (EUR 41 million).
Our Audit Procedures
Our audit procedures included:
Wij hebben de geconsolideerde jaarrekening van Agfa-Gevaert NV (de "Groep"), die de geconsolideerde balans per 31 december 2022, de geconsolideerde resultatenrekening, de geconsolideerde mutatiestaat van het eigen vermogen en de geconsolideerde kasstromenrekening voor het jaar dat op die datum eindigde, alsmede een samenvatting van de belangrijkste boekhoudkundige beleidslijnen en andere toelichtende informatie omvat, gecontroleerd.
Naar ons oordeel geeft de bijgevoegde geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van de financiële toestand van de Groep per 31 december 2022, van haar financiële resultaten en van haar kasstromen voor het jaar dat op die datum eindigde, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals uitgegeven door de International Accounting Standards Board (IASB) en zoals goedgekeurd door de Europese Unie.
Wij hebben onze controle uitgevoerd overeenkomstig de International Standards on Auditing (ISA's) zoals die van toepassing zijn in België, en de ISA's zoals die van toepassing zijn in België, zoals deze van toepassing zijn op de controle van de geconsolideerde jaarrekening. Onze verantwoordelijkheden onder deze standaarden worden nader beschreven in de sectie “Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening” van dit verslag.
Wij zijn onafhankelijk van de Groep in overeenstemming met de deontologische voorschriften die van toepassing zijn in België op onze opdracht, en wij hebben onze andere deontologische verplichtingen vervuld die in overeenstemming zijn met deze voorschriften. Wij geloven dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is om een grondslag te vormen voor ons oordeel.
Kernpunten van de controle zijn de aangelegenheden die, naar ons professioneel oordeel, het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode. Wij hebben deze aangelegenheden niet bepaald op basis van een opsomming maar op basis van de aangelegenheden die wij hebben bepaald door onze analyse van de risico's van een afwijking van materieel belang. Wij geven geen afzonderlijk oordeel over deze aangelegenheden.
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de IFRS standaarden zoals uitgegeven door de International Accounting Standards Board en zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor de interne beheersing die het bestuursorgaan noodzakelijk acht voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten.
Bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening is het bestuursorgaan verantwoordelijk voor het inschatten van de mogelijkheid van de Groep om haar continuïteit te handhaven, het toelichten, indien van toepassing, van aangelegenheden die met continuïteit verband houden en het gebruiken van de continuïteitsveronderstelling, tenzij het bestuursorgaan het voornemen heeft om de Groep te liquideren of om de bedrijfsactiviteiten te beëindigen of geen realistisch alternatief heeft dan dit te doen.
Onze doelstellingen zijn het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid over de vraag of de geconsolideerde jaarrekening als geheel geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten en het uitbrengen van een commissarisverslag waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid, maar is geen garantie dat een controle die overeenkomstig de ISA’s is uitgevoerd altijd een afwijking van materieel belang ontdekt wanneer die bestaat. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de economische beslissingen genomen door gebruikers op basis van deze geconsolideerde jaarrekening, beïnvloeden.
Bij de uitvoering van onze controle leven wij het wettelijk, reglementair en normatief kader dat van toepassing is op de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België na. Een wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening biedt evenwel geen zekerheid omtrent de toekomstige levensvatbaarheid van de Groep, noch omtrent de efficiëntie of de doeltreffendheid waarmee het bestuursorgaan de bedrijfsvoering van de Groep ter hand heeft genomen of zal nemen. Onze verantwoordelijkheden inzake de door het bestuursorgaan gehanteerde continuïteitsveronderstelling staan hieronder beschreven.
Als deel van een controle uitgevoerd overeenkomstig de ISA’s, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel-kritische instelling gedurende de controle. We voeren tevens de volgende werkzaamheden uit:
Wij zijn verantwoordelijk voor de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de groepscontrole. Wij blijven ongedeeld verantwoordelijk voor ons oordeel.
Wij communiceren met het auditcomité onder meer over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante controlebevindingen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing die wij identificeren gedurende onze controle.
Wij verschaffen aan het auditcomité tevens een verklaring dat wij de relevante deontologische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd, en wij communiceren met hen over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en, waar van toepassing, over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen.
Uit de aangelegenheden die met het auditcomité zijn gecommuniceerd bepalen wij die zaken die het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode, en die derhalve de kernpunten van onze controle uitmaken. Wij beschrijven deze aangelegenheden in ons verslag, tenzij het openbaar maken van deze aangelegenheden is verboden door wet- of regelgeving.
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport.
In het kader van onze opdracht en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden (ISA’s), is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport, te verifiëren, alsook verslag over deze aangelegenheden uit te brengen.
Na het uitvoeren van specifieke werkzaamheden op het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij van oordeel dat dit jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening overeenstemt met de geconsolideerde jaarrekening voor hetzelfde boekjaar en is opgesteld overeenkomstig het artikel 3:32 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
In de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening zijn wij tevens verantwoordelijk voor het overwegen, in het bijzonder op basis van de kennis verkregen in de controle, of het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport, zijnde:
een afwijking van materieel belang bevatten, hetzij informatie die onjuist vermeld is of anderszins misleidend is. In het licht van de werkzaamheden die wij hebben uitgevoerd, hebben wij geen afwijking van materieel belang te melden.
De niet-financiële informatie zoals vereist op grond van artikel 3:32 §2 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, werd opgenomen in het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, dat deel uitmaakt van sectie Niet-Financieel Rapport van het jaarrapport.# Corporate Governance Verklaring
De Vennootschap past de Belgische Corporate Governance Code 2020 als referentiecode toe. Deze Code kan worden geraadpleegd op de website www.corporategovernancecommittee.be. In 2020 werden ook de statuten van de Vennootschap in overeenstemming gebracht met het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (Wet van 23 maart 2019). De Raad van Bestuur heeft in 2020 het Corporate Governance Charter van de Vennootschap herzien, met het oog op de aanpassing van dit Charter aan de bepalingen van de Belgische Corporate Governance Code 2020. Bij deze herziening werd ook de keuze voor de monistische bestuursstructuur geëvalueerd en bevestigd. Het volledige Corporate Governance Charter van de Vennootschap is gepubliceerd op de website: www.agfa.com/investorrelations. Tenzij anders aangegeven in de relevante secties van deze verklaring paste de Vennootschap gedurende het boekjaar 2022 de Belgische Corporate Governance Code 2020 volledig toe.
De bestuursstructuur van de Vennootschap is opgebouwd rond de Raad van Bestuur, de Chief Executive Officer (CEO) en het Executive Comité (Exco). De Raad van Bestuur wordt bijgestaan door een Benoemings- en Remuneratiecomité en een Auditcomité.
De Raad van Bestuur is als hoogste bestuursorgaan bevoegd om alle handelingen te verrichten die noodzakelijk of nuttig zijn voor de verwezenlijking van het maatschappelijk doel, met uitzondering van die waarvoor volgens de wet alleen de Algemene Aandeelhoudersvergadering bevoegd is (onder meer de wijziging van de statuten, kapitaalverhoging buiten toegestaan kapitaal, kapitaalvermindering). De bevoegdheden en de werking van de Raad van Bestuur worden in extenso beschreven in het Corporate Governance Charter. De statuten bepalen dat de Raad van Bestuur vergadert wanneer het belang van de Vennootschap dit vereist of wanneer twee bestuurders hierom verzoeken. In 2022 vonden er negen effectieve vergaderingen plaats, evenals enkele korte besprekingen per ‘conference call’.
De Raad van Bestuur vergaderde en besliste tijdens 2022 onder meer over: het bepalen van de bedrijfsstrategie en van de belangrijkste beleidslijnen, het transformatieproces van de Agfa-Gevaert Groep, de Inca-acquisitie, de verlenging van het aandeleninkoopprogramma, de vooruitzichten voor 2023 en de actieplannen voor de volgende jaren, ESG-gerelateerde onderwerpen, de aanbevelingen gedaan door de verschillende Comités van de Raad van Bestuur, het risicomanagement, de goedkeuring van budgetten, kostenbeheersingscenario’s, de evolutie van belangrijke juridische geschillen en de goedkeuring van de jaarrekeningen.
Bestuurders die mogelijkerwijs een belangenconflict hebben met betrekking tot een agendapunt moeten dit voor iedere beraadslaging melden en moeten zich onthouden van beraadslaging en stemming over dat onderwerp. Meer in het bijzonder mogen bestuurders zich niet in conflictsituaties plaatsen zoals beschreven in het Corporate Governance Charter van de Vennootschap. Wanneer een dergelijke situatie zich tegen hun wil in alsnog voordoet, dan moeten zij dit bekendmaken voor enige beraadslaging met betrekking tot het bewuste agendapunt plaatsvindt en zich onthouden van beraadslaging en stemming hierover.
De Vennootschap heeft zich bij het opstellen van deze niet-financiële informatie gebaseerd op Global Reporting Initiative (GRI) Standaarden. Overeenkomstig artikel 3:80 §1, eerste lid, 5° van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen spreken wij ons evenwel niet uit over de vraag of deze niet-financiële informatie is opgesteld in overeenstemming met de vermelde GRI Standaarden.
Wij hebben ook, overeenkomstig het ontwerp van norm inzake de controle van de overeenstemming van de financiële overzichten met het Europees uniform elektronisch formaat (hierna “ESEF”), de controle uitgevoerd van de overeenstemming van het ESEF-formaat met de technische reguleringsnormen vastgelegd door de Europese Gedelegeerde Verordening nr. 2019/815 van 17 december 2018 (hierna: “Gedelegeerde Verordening”).
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen, in overeenstemming met de ESEF vereisten, van de geconsolideerde financiële overzichten in de vorm van een elektronisch bestand in ESEF-formaat (hierna “digitale geconsolideerde financiële overzichten”) opgenomen in het jaarlijks financieel verslag.
Het is onze verantwoordelijkheid voldoende en geschikte onderbouwend information te verkrijgen om te concluderen dat het formaat en de markeertaal van de digitale geconsolideerde financiële overzichten, in alle van materieel belang zijnde opzichten, voldoen aan de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening.
Op basis van de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn wij van oordeel dat het formaat van en de markering van informatie in de officiële Nederlandstalige versie van de digitale geconsolideerde financiële overzichten, opgenomen in het jaarlijks financieel verslag van Agfa-Gevaert NV per 31 december 2022, in alle van materieel belang zijnde opzichten, werden opgesteld in overeenstemming met de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening.
Huidig verslag is consistent met onze aanvullende verklaring aan het auditcomité bedoeld in artikel 11 van de verordening (EU) nr. 537/2014.
Antwerpen, 7 april 2023
KPMG Bedrijfsrevisoren
Commissaris vertegenwoordigd door F. Poesen
Bedrijfsrevisor
De volgende bladzijden zijn uittreksels van de statutaire jaarrekening van Agfa-Gevaert NV, opgesteld overeenkomstig de Belgische boekhoudkundige regels. Het verslag van de Raad van Bestuur aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders en de jaarrekening van Agfa-Gevaert NV zullen samen met het verslag van de commissaris-revisor gedeponeerd worden bij de Nationale Bank van België binnen de statutair bepaalde termijn. Deze documenten zijn op aanvraag verkrijgbaar bij de afdeling Investor Relations van de Vennootschap en beschikbaar op www.agfa.com/investorrelations.
Alleen de geconsolideerde jaarrekening vervat in de voorafgaande bladzijden geeft een correct en betrouwbaar beeld van de financiële situatie en de prestaties van de Agfa-Gevaert Groep. Het statutair verslag van de commissaris-revisor bevat geen bemerkingen en verklaart dat de niet-geconsolideerde jaarrekening van Agfa-Gevaert NV over het jaar, dat eindigde op 31 december 2022, een correct en betrouwbaar beeld geeft van de financiële situatie en de resultaten van de Vennootschap, en dit in overeenstemming met alle wettelijke en statutaire bepalingen.
| MILJOEN EURO | |
|---|---|
| 2022 | |
| I. Bedrijfsopbrengsten | |
| A. Omzet | 931 |
| B. Voorraad goederen in bewerking en gereed product en bestellingen in uitvoering (toename +, afname -) | 27 |
| C. Geproduceerde vaste activa | 27 |
| D. Andere bedrijfsopbrengsten | 94 |
| E. Niet-recurrente bedrijfsopbrengsten | 0 |
| Totale bedrijfsopbrengsten | 1.079 |
| II. Bedrijfskosten | |
| A. Handelsgoederen, grond- en hulpstoffen | |
| 1. Aankopen | 433 |
| 2. Voorraad (toename -, afname +) | (19) |
| B. Diensten en diverse goederen | 275 |
| C. Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen | 568 |
| D. Afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten op immateriële en materiële vaste activa | 36 |
| E. Waardeverminderingen op voorraden, op bestellingen in uitvoering en op handelsvorderingen (toevoegingen +, terugnemingen -) | (1) |
| F. Voorzieningen voor risico’s en kosten (toevoegingen +, bestedingen en terugnemingen -) | (8) |
| G. Andere bedrijfskosten | 42 |
| H. Niet-recurrente bedrijfskosten | 0 |
| Totale bedrijfskosten | 1.347 |
| III. Bedrijfswinst/verlies | (268) |
| IV. Financiële opbrengsten | 35 |
| V. Financiële kosten | (297) |
| VI. Winst/verlies van het boekjaar vóór belasting | (530) |
| VII. Overboeking aan de uitgestelde belastingen | 0 |
| VIII. Belastingen op het resultaat | (1) |
| IX. Winst/verlies van het boekjaar | (531) |
| X. Onttrekking aan de belastingvrije reserves | 0 |
| XI. Te bestemmen winst/verlies van het boekjaar | (531) |
| Resultaatverwerking | |
| A. Te bestemmen winstsaldo | |
| 1. Te bestemmen winst/verlies van het boekjaar | (531) |
| 2. Overgedragen winst van het vorig boekjaar | 531 |
| B. Onttrekking aan het eigen vermogen | 0 |
| C. Toevoeging aan het eigen vermogen | 0 |
| D. Over te dragen winst (verlies) | 0 |
| F. Uit te keren winst | 0 |
| 31 dec. 2022 | 31 dec. 2021 | |
|---|---|---|
| Activa | ||
| I. Oprichtingskosten | 0 | 0 |
| II. Immateriële vaste activa | 15 | 16 |
| III. Materiële vaste activa | 69 | 65 |
| IV. Financiële vaste activa | 723 | 703 |
| V. Vorderingen op meer dan één jaar | 2 | 2 |
| VI. Voorraden en bestellingen in uitvoering | 111 | 106 |
| VII. Vorderingen op ten hoogste 1 jaar | 357 | 257 |
| VIII. Geldbeleggingen | 13 | 7 |
| IX. Liquide middelen | 28 | 19 |
| X. Overlopende rekeningen | 1 | 1 |
| Totaal Activa | 1.259 | 1.176 |
| Passiva | ||
| I. Kapitaal | 115 | 115 |
| II. Uitgiftepremies | 311 | 311 |
| IV. Reserves | 176 | 120 |
| V. Overgedragen winst | 0 | 0 |
| VI. Kapitaalsubsidies | 0 | 0 |
| Totaal Eigen Vermogen | 602 | 546 |
| VII. Voorzieningen en uitgestelde belastingen | 17 | 11 |
| VIII. Schulden op meer dan 1 jaar | 206 | 188 |
| IX. Schulden op ten hoogste 1 jaar | 419 | 410 |
| X. Overlopende rekeningen | 0 | 0 |
| Totaal Passiva | 1.244 | 1.155 |
The Articles of Association stipulate that the Board of Directors shall be composed of at least six members, who may or may not be shareholders, appointed for a renewable term of a maximum of four years. The majority of the members are non-executive directors and at least three of them are independent. The mandate of Ms. Hilde Laga as a director of the Company expired immediately after the Annual General Meeting of 10 May 2022. She did not stand for re-election. To ensure that a sufficient number of independent directors were present at the level of the Board of Directors, the shareholders decided to appoint Albert House BV, with Ms. Line De Decker as its permanent representative, as an independent director of the Company for a term of four (4) years. The mandate of MRP Consulting BV, with Mr. Mark Pensaert as its permanent representative, as an independent director of the Company also expired immediately after the Annual General Meeting of 10 May 2022. The shareholders decided to re-appoint MRP Consulting BV, with Mr. Mark Pensaert as its permanent representative, as an independent director of the Company for a period of four (4) years. During the Board of Directors meeting of 21 June 2022, it was decided to accept the resignation of Ms. Helen Routh as an independent director of the Company. It was also decided to co-opt H F Routh Consulting LLC, with Ms. Helen Routh as its permanent representative, as an independent director of the Company until the next General Meeting.
The Board of Directors therefore currently consists of the following seven members:
(1) Independent director within the meaning of Article 7:87 §1 of the Belgian Company and Association Code.
The directorships of H F Routh Consulting LLC, with Ms. Helen Routh as its permanent representative, of Vantage Consulting BV, with Frank Aranzana as its permanent representative, and of Mr. Klaus Röhrig will end immediately after the Annual General Meeting of Shareholders of 9 May 2023. All three directors are eligible for re-election. At the General Meeting, it will therefore be proposed to the shareholders to re-appoint H F Routh Consulting LLC, with Ms. Helen Routh as its permanent representative, and Vantage Consulting BV, with Mr. Frank Aranzana as its permanent representative, as independent directors for a term of four (4) years and to re-appoint Mr. Klaus Röhrig as a non-executive director, also for a term of four (4) years.
(°1958 - French) holds a Bachelor's degree in Economics and Political Sciences from IEP Paris, a Bachelor's degree in Law from the University of Nice, and later a Master's degree in Management from ESSEC Paris. He began his career in 1986 at Dow Chemical, where he worked in sales, marketing, and business management. In 1996, he became Business Director at DuPont Dow Elastomers and in 1999, at UCB, he became Director of the Radcure business unit and subsequently of Specialty Chemicals, which were sold to Cytec Industries in 2005. He became Vice-President of Cytec Surface Specialties and in 2008, he became President of Cytec Specialty Chemicals, a member of Cytec's Executive Leadership team and Officer of Cytec Industries Inc. In 2013, he became CEO of Allnex, the leading producer of coating resins, which was acquired by Advent International Private Equity, and until 2020, he was an Advent Operating partner, sitting on the Allnex Advisory Committee. Frank Aranzana joined the Board of Directors in May 2019. He was elected Chairman of the Board of Directors in August 2020.
Current mandates:
(°1974 - Belgian/British) is a senior executive with over 25 years of executive experience in large, complex, regulated organizations. She combines her outstanding communication, influence, and change management skills with an exceptional track record in leading companies through crucial transformations. Ms. De Decker holds a law degree from the Universities of Leuven and Barcelona, as well as a master's degree in Tax Management from the Solvay Business School. She is Chief People & Sustainability Officer and a member of the Executive Committee at Aliaxis, a world leader that enables access to water and energy through innovative fluid management solutions. Before joining Aliaxis, she was Senior Vice President and Head of Transformation at GlaxoSmithKline, where she led a global initiative focused on transforming the company and creating new future-oriented structures and processes. Before taking up this role in the global strategy team, she held various senior HR positions at GSK in Belgium and the United Kingdom in the Corporate, Vaccines, Pharma, and Consumer business areas. Before joining GSK, Ms. De Decker worked at DuPont in Belgium and Spain, where she was involved in setting up their global business services. She began her career at Price WaterhouseCoopers and UCB, as a Tax and Compensation specialist. Line De Decker joined the Board of Directors in May 2022.
Current mandates:
(°1965 - French) graduated from ESCP Business School in Paris, France. He has over 30 years of experience in the chemical and advanced materials industry. Pascal Juéry began his career in finance and soon demonstrated his ability to lead various global businesses and to hold key functional positions. Between 2010 and 2019, he was a member of the executive committees of Rhodia first and then Solvay. At Solvay, he played an active role in the transformation of the group's portfolio and activities. Pascal Juéry joined the Board of Directors in 2020. Since February 1, 2020, he has been CEO of Agfa-Gevaert.
Current mandates:
(°1964 - Belgian) graduated as a Licentiate of Law from UGent (Belgium) and subsequently obtained a Master of Law from St. Catharine's College, Cambridge University. He started his career in 1988 in London at Lazard Brothers & Co, one of the leading independent global investment banks with headquarters in New York, Paris, and London. Between 1992 and 1996, he was Financial Director at Interbuild NV and Rombouts NV. In 1996, he became CFO of Carestel NV (now part of the Autogrill Group). Between 2000 and 2004, he returned to the international M&A business by rejoining Lazard Frères in Paris with the aim of helping to establish an M&A platform for Lazard in the Benelux. In 2004, he became a Partner and started the Amsterdam office that oversaw the entire Benelux. In 2008, he joined Leonardo & Co, a spin-off from Lazard, as CEO, to build a network on the European continent and from September 2015 to July 2018, he was Chairman of the investment banking division of Alantra Partners, a global investment banking and asset management group listed in Madrid. Mark Pensaert joined the Board of Directors in 2018.
Current mandates:
(°1954 - French) graduated from the "Ecole de Physique et de Chimie Industrielles de Paris" and holds a doctorate from the University of Paris (France). He began his career at Alcatel. During his Alcatel tenure, he led several multi-billion global businesses and international sales and service organizations, including Alcatel's Cable Group (now Nexans), the Submarine Networks Division, and the entire Optics Group. In the early 2000s, he joined the Executive Committee of Alcatel as Executive Vice-President. After managing the Asia-Pacific region, he led the integration and transition process related to the merger of Alcatel and Lucent Technologies. In 2007, he was appointed President of Northern and Eastern Europe for Alcatel- Lucent and joined the Board of Directors of Alcatel-Lucent (Belgium). In early 2008, Christian Reinaudo moved to Agfa-Gevaert to become President of Agfa HealthCare. Christian Reinaudo joined the Board of Directors of Agfa-Gevaert in 2010. From May 1, 2010, to February 1, 2020, he was CEO of Agfa-Gevaert.
Current mandates:
(°1977 - Austrian) holds a Master's degree in Economics and Business Administration from the Vienna University of Economics and Business Administration.# Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
In 2000 startte Klaus Röhrig zijn carrière bij Credit Suisse First Boston in Londen waar hij zich vooral toelegde op bedrijfsfinanciering en M&A voor technologiebedrijven. In 2006 trad hij in dienst bij Elliott Associates, waar hij verantwoordelijk was voor de investeringsfondsen in de Duitstalige landen, evenals voor geselecteerde beleggingen in schulden, aandelen en overheden. In 2015 richtte Klaus Röhrig Active Ownership Group op, een Luxemburgse investeringsgroep. Tijdens zijn hele loopbaan richtte hij zich op het identificeren van investeringsmogelijkheden, het structureren van investeringen en procesgestuurde waardecreatie. Klaus Röhrig (AOC) trad toe tot de Raad van Bestuur in 2018. Hij was Voorzitter van de Raad van Bestuur van mei 2019 tot en met augustus 2020.
Huidige mandaten:
* Lid van de Raad van Toezicht van Formycon AG
* Lid van de Raad van Toezicht van Francotyp-Postalia Holding AG
Helen Routh is een wereldwijde healthcare executive die zich vooral bezighoudt met het oplossen van complexe problemen die zich situeren op het snijvlak van innovatie en zakelijkheid. Ze behaalde een doctoraat in de fysica, met specialisatie in medische echografie, aan het University College Cardiïf (VK). Tot 2017 had ze bij Philips diverse zakelijke en functionele rollen in de healthcare-tak, met vooral focus op producten, software en services. Zij was de General Manager van Philips Research in Noord-Amerika en General Manager van Philips Clinical Informatics business wereldwijd. Als Senior VP Strategy & Innovation leidde zij de ontwikkeling van de Innovation Strategie bij Royal Philips en was hoofd van het Integrated Solutions-team. Zij is een veel gevraagde keynote-speaker en is panellid voor zowel technische als zakelijke onderwerpen. Ze treedt ook op als raadgever voor zowel kleine als grote bedrijven en voor academische en medische organisaties in Europa en de Verenigde Staten. Helen Routh trad toe tot de Raad van Bestuur in mei 2019.
Huidige mandaten:
* Voorzitter van de Raad van Bestuur van Ultromics
* Niet-uitvoerend bestuurder van Health Innovation Manchester
* Lid van de Medische Raad van Toezicht van Buoy Health
Het Auditcomité vervult de taken zoals omschreven in artikel 7:99 §4 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en staat de Raad van Bestuur bij in het uitoefenen van zijn opdracht van controle in de ruimste betekenis van het woord. Zijn bevoegdheden en werking worden in extenso beschreven in hoofdstuk 5.1 van het Corporate Governance Charter. Het Auditcomité bestaat sinds 14 mei 2019 uit drie niet-uitvoerende bestuurders: de heer M. Pensaert, Voorzitter, de heer K. Röhrig en mevrouw H. Routh (sinds 21 juni 2022 als vaste vertegenwoordiger van H F Routh Consulting LLC). Twee ervan zijn onafhankelijke bestuurders. Al deze leden voldoen aan de vereisten van artikel 7:99 §2 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen inzake deskundigheid op het gebied van boekhouding en audit. Het Comité had vijf zittingen in 2022. Onder meer de volgende agendapunten werden behandeld: het nazicht van de jaarrekeningen van 2021, de kwartaalresultaten van 2022, de benoeming van de commissaris, de rapporten van de interne auditafdeling, de opvolging van belangrijke juridische zaken zoals het AgfaPhoto-dossier en de evaluatie van het risicomanagement in de Groep.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité werd door de Raad van Bestuur belast met verantwoordelijkheden inzake de voordracht voor benoeming, herbenoeming en ontslag van Bestuurders en leden van het Executive Management, het remuneratiebeleid en de individuele remuneratie van Bestuurders en leden van het Executive Management. De taken en werking van het Benoemings- en Remuneratiecomité worden in extenso beschreven in hoofdstuk 5.2 van het Corporate Governance Charter. Het Benoemings- en Remuneratiecomité bestaat uitsluitend uit niet-uitvoerende bestuurders. Het Comité bestaat sinds mei 2022 uit de volgende drie niet-uitvoerende bestuurders: de heer C. Reinaudo, Voorzitter, mevrouw L. De Decker en de heer F. Aranzana. Twee ervan zijn onafhankelijke bestuurders. Het Comité had drie zittingen in 2022 en onder meer de volgende agendapunten werden behandeld: de samenstelling van de Raad van Bestuur en de Comités, talent management en successieplanning, het remuneratiebeleid, de prestaties en de remuneratie van het Executive Management en Senior Executives en de opstelling van het Remuneratieverslag.
| Raad | AC | BRC | |
|---|---|---|---|
| Dhr. Frank Aranzana | / | / | |
| Dhr. Christian Reinaudo | / | / | |
| Mevr. Helen Routh | / | / | |
| Dhr. Pascal Juéry | / | ||
| Mevr. Hilde Laga (1) | / | / | / |
| Dhr. Mark Pensaert | / | / | |
| Dhr. Klaus Röhrig | / | / | |
| Mevr. Line De Decker (2) | / | / |
(1) Bestuurder en lid BRC tot en met 9 mei 2022
(2) Bestuurder en lid BRC vanaf 10 mei 2022
Het uitvoerend management van de Vennootschap werd toevertrouwd aan een gedelegeerd bestuurder/CEO die wordt bijgestaan door een Exco. Samen vormen zij het Executive Management. De CEO is belast met de uitvoering van het ondernemingsbeleid en de strategie bepaald door de Raad van Bestuur. Hij ontving bijgevolg de meest uitgebreide bevoegdheden inzake dagelijks bestuur en een aantal specifieke bijzondere volmachten. Deze bevoegdheden zijn in extenso opgenomen in het Corporate Governance Charter. De CEO brengt regelmatig verslag uit over zijn werkzaamheden en over de evolutie van de dochtervennootschappen en van de deelnemingen, om de Raad van Bestuur de mogelijkheid te geven hierop controle uit te oefenen. Sinds 1 september 2021, datum waarop Dhr. Gunther Koch het Exco heeft vervoegd, is het Exco samengesteld als volgt:
* Dhr. Dirk De Man, Chief Financial Officer;
* Dhr. Luc Delagaye, President Agfa Offset Solutions;
* Dhr. Vincent Wille, President Agfa Digital Print & Chemicals;
* Dhr. Gunther Koch, Chief Human Resources Officer.
Agfa’s Executive Management is verantwoordelijk voor de interne controle- en risicobeheersystemen van de Groep, inclusief die met betrekking tot financiële rapportering, zoals goedgekeurd door de Raad van Bestuur. De interne controle op de financiële rapportering behelst de beoordeling van de relevante risico’s en de identificatie van en het toezicht op kerncontroles en acties die genomen worden ter correctie van gebreken wanneer die geïdentificeerd worden. Het Auditcomité beoordeelt de effectiviteit van de systemen voor interne controle en risicobeheer.
Agfa’s controleomgeving bestond in 2022 uit centrale finance-functies zoals consolidatie en rapportering, belastingen, treasury en investor relations enerzijds en uit finance-functies op het niveau van de vier divisies anderzijds. Alle finance-functies rapporteren (on)rechtstreeks aan de Chief Financial Officer. Alle Groepsentiteiten volgen de uniforme centrale boekhoudkundige regels en rapporteringsvereisten die zijn beschreven in Agfa’s ‘Group Consolidation Accounting Manual’.
Gebaseerd op beoordelingsvergaderingen met de centrale functies en met het management van de businessgroepen had het Executive Management in 2022 een proces in gebruik om op regelmatige basis de risico’s, inclusief de risico’s m.b.t. het financiële rapporteringsproces, te identificeren, beoordelen en op te volgen. Het rapporteert aan het Auditcomité over deze risico’s. Deze risico’s worden geëvalueerd door het Auditcomité, dat verdere acties kan definiëren voor het Executive Management.
Elke divisie was in 2022 verantwoordelijk voor het controleren van de financiële prestaties en verwachtingen. Elke divisie rapporteerde aan het Executive Management. Het consolidatieproces, gebaseerd op meer uitgebreide rapportering, werd elk kwartaal uitgevoerd. Het wordt beoordeeld door het Executive Management en het Auditcomité, die acties kunnen definiëren voor de divisies en de centrale functies.
Alle entiteiten gebruiken uniforme centrale rapporteringstools en rapporteren in overeenstemming met de instructies en de rapporteringsrichtlijnen opgesteld door de centrale rapporteringsafdeling. Financiële informatie (inclusief ‘key performance indicators’) werd op een consistente basis voorbereid voor elke businessgroep en op het geconsolideerde niveau. Ze werd gecontroleerd door de aangewezen verantwoordelijke. Het Executive Management rapporteert regelmatig aan het Auditcomité over alle ‘key risk factors’.
Een van de verantwoordelijkheden van de financiële afdelingen is de verbetering van de procedures die gebruikt worden voor de voorbereiding en verwerking van financiële informatie. Er worden regelmatig controles uitgevoerd op de belangrijkste controleprocedures in de voorbereiding van financiële informatie in de dochterondernemingen en op Groepsniveau om te verzekeren dat de instructies en richtlijnen over financiële rapportering correct worden toegepast. Interne Audit ziet toe op de controle van interne beleidslijnen, richtlijnen en controles m.b.t. financiële rapportering en operationele aspecten, zoals verkoop, productie en O&O. Interne Audit rapporteert aan het Auditcomité, dat toeziet op de doeltreffendheid. De Secretaris van de Vennootschap werd benoemd tot compliance officer om de naleving te controleren van de beleidslijnen van de Vennootschap inzake de voorkoming van handel met voorkennis en marktmanipulatie door de Bestuurders en andere welbepaalde personen.
Zie p.# Corporate Governance Verklaring
De voornaamste elementen en kenmerken van het evaluatieproces voor de Raad van Bestuur en de Comités betreffen de beoordeling van de wijze waarop de Raad van Bestuur en de Comi-tés werken, het nagaan of belangrijke onderwerpen grondig worden voorbereid en besproken, de beoordeling van de werkelijke bijdrage van elke bestuurder en zijn betrokkenheid bij de bespreking en besluitvorming. Het volledige evaluatieproces wordt in extenso uiteengezet in de hoofdstukken 3, 4 en 5 van het eerder vermelde Corporate Governance Charter. De laatste formele evaluatie vond plaats in 2021, waarbij er op initiatief van de Voorzitter van de Raad van Bestuur en in samenwerking met de Voorzitter van het Benoemings- en Remu-neratiecomité een intern evaluatieproces werd opgestart. Hierbij werden er contacten ge-legd met de leden van de Raad van Bestuur en van het Executive Management om enerzijds de werking van de Raad en het Executive Management (zowel als college als individueel) en anderzijds de samenwerking en de relatie tussen beide colleges te evalueren. De criteria die in overweging genomen werden tijdens de evaluatie betroffen zowel de om-vang, de samenstelling en de performantie van de Raad van Bestuur en de Comités als de kwaliteit van de interactie tussen Raad van Bestuur en Executive Management. De resulta-ten werden enerzijds bepaald op basis van de antwoorden die gegeven werden op een vra-genlijst (bestaande uit een zeventigtal vragen onderverdeeld in een tiental hoofdstukken), en anderzijds de feedback die gegeven werd tijdens individuele gesprekken. In de jaren dat er geen formele evaluatie plaatsvindt, informeert de Voorzitter van de Raad van Bestuur zich op regelmatige tijdstippen informeel bij de leden van de Raad van Bestuur en van het Executive Management over het functioneren van de verschillende organen.
Zie p. xx e.v.
De voorstellen van de Raad van Bestuur aan de Algemene Aandeelhoudersvergadering met betrekking tot de besteding en verdeling van het resultaat houden rekening met verscheide-ne factoren, zoals de financiële situatie van de Vennootschap, de resultaten uit bedrijfsacti-viteiten, de huidige en verwachte kasstromen en de expansieplannen.
Agfa-Gevaert stelde onmiddellijk na de beursgang in 1999, overeenkomstig haar principes en waarden, een Verhandelingscode (Code of Dealing) op. Die Code bevat de regels die door de bestuurders en het senior management moeten worden nageleefd in het geval zij financiële instrumenten van de Vennootschap willen verhandelen. De Code verbiedt voormelde per-sonen o.m. om te handelen gedurende welomschreven periodes voor de bekendmaking van haar financiële resultaten en voor de bekendmaking van andere koersgevoelige informatie. Agfa-Gevaert heeft in het licht van de Verordening Marktmisbruik die van toepassing is ge-worden op 3 juli 2016, de voormelde Code aangepast om ze in overeenstemming te brengen met de huidige wettelijke reglementering terzake. De Verhandelingscode werd een laatste maal aangepast op 11 mei 2021. De aangepaste versie van de Code bevindt zich op de website en op het intranet van de Vennootschap als onderdeel van het Corporate Governance Charter.
Zie p. XX
Agfa-Gevaert NV (Ondernemingsnummer 0404.021.727, Rechtspersonenregister Antwer-pen) is een beursgenoteerde onderneming naar Belgisch recht, opgericht op 10 juni 1964. De maatschappelijke zetel van de Vennootschap is gevestigd in de Septestraat 27, 2640 Mortsel, België. De volledige en becommentarieerde financiële gegevens zijn beschikbaar op de website, www.agfa.com, of verkrijgbaar bij de Vennootschap. Informatie met betrekking tot de mi-lieuaspecten is terug te vinden in het Duurzaamheidsverslag van de Groep dat in dit jaar-verslag is opgenomen.
De statuten van de Vennootschap liggen ter inzage bij de Griffie van de Rechtbank van Koop-handel van Antwerpen (België) en op de maatschappelijke zetel. Ze zijn ook terug te vinden op de website, www.agfa.com. Het Corporate Governance Charter en de Verhandelingscode (Code of Dealing) kunnen worden geraadpleegd op de Investor Relations-pagina’s van de website, www.agfa.com. De jaarrekeningen worden neergelegd bij de Nationale Bank van België. De jaarrekeningen worden elk jaar, samen met de bijbehorende verslagen, meegedeeld aan de aandeelhouders op naam en eenieder die erom verzoekt. Het jaarverslag, het remuneratiebeleid, de statutaire en geconsolideerde jaarrekening, in-clusief het verslag van de commissaris, zijn te raadplegen op de website www.agfa.com en kunnen worden ingezien op de maatschappelijke zetel. De oproeping voor de Algemene Aandeelhoudersvergadering wordt gepubliceerd in de financiële pers en is tevens beschikbaar op de website. Inzake financiële berichtgeving wor-den de financiële resultaten en de overige verplichte informatie gepubliceerd op de website van de Vennootschap, in overeenstemming met de richtlijnen van de Autoriteit voor Finan-ciële Diensten en Markten (FSMA). De besluiten betreffen de benoeming en het ontslag van de leden van de Raad van Bestuur worden bekendgemaakt in de Bijlagen tot het Belgisch Staatsblad. Iedere geïnteresseerde kan zich gratis registreren op www.agfa.com om de persberichten en de verplichte financiële informatie per e-mail te ontvangen. Het jaarverslag is op de website, www.agfa.com, beschikbaar in het Nederlands en het Engels.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité (BRC) komt minimum drie keer per jaar samen om onder meer voorstellen aan de Raad van Be-stuur uit te werken over het remuneratiebeleid en -niveau voor Bestuur-ders en leden van het Executive Management.
De Vennootschap heeft bepaalde financiële overeenkomsten gesloten die effectief kunnen worden, kunnen worden gewijzigd en/of worden beëindigd door verandering in de zeggenschap over de Vennootschap door een openbaar overnamebod.
Agfa-Gevaert stelde onmiddellijk na de beursgang in 1999, overeenkomstig haar principes en waarden, een Verhandelingscode (Code of Dealing) op. Die Code bevat de regels die door de bestuurders en het senior management moeten worden nageleefd in het geval zij financiële instrumenten van de Vennootschap willen verhandelen. De Code verbiedt voormelde per-sonen o.m. om te handelen gedurende welomschreven periodes voor de bekendmaking van haar financiële resultaten en voor de bekendmaking van andere koersgevoelige informatie.
Agfa-Gevaert heeft in het licht van de Verordening Marktmisbruik die van toepassing is ge-worden op 3 juli 2016, de voormelde Code aangepast om ze in overeenstemming te brengen met de huidige wettelijke reglementering terzake. De Verhandelingscode werd een laatste maal aangepast op 11 mei 2021. De aangepaste versie van de Code bevindt zich op de website en op het intranet van de Vennootschap als onderdeel van het Corporate Governance Charter.
Sinds de sluiting van haar enige bijhuis in het Verenigd Koninkrijk (Agfa Materials UK) op 20 mei 2022 heeft Agfa-Gevaert NV geen bijkantoren meer.
Om het risico van de wisselkoersen en de interestwijzigingen te minimaliseren, worden passende dekkingscontracten ingezet. Daartoe behoren voornamelijk termijnverrichtin-gen in vreemde munten, optiecontracten en interest-swaps. Het inzetten ervan gebeurt volgens uniforme richtlijnen, is onderworpen aan interne controles en blijft beperkt tot het indekken van de operationele activiteiten en de daarmee verbonden geldbeleggingen en financiële transacties. Meer informatie hierover is te vinden in de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening.
De commissaris van Agfa-Gevaert NV is KPMG Bedrijfsrevisoren, vertegenwoordigd door de heer Frederic Poesen. De commissaris werd op de Jaarvergadering van 10 mei 2022 her-benoemd voor een periode van drie jaar. Zijn mandaat zal dan ook ten einde lopen onmid-dellijk na de Jaarvergadering van 13 mei 2025. Doch, de wettelijke interne rotatie verplicht KPMG om zich terug te trekken na de audit met betrekking tot het financiële jaar 2023. De Raad van Bestuur heeft de opvolging van KPMG al voorbereid.
Zie p. xxx.
De Raad van Bestuur verklaart hierbij dat het Jaarverslag is opgesteld in overeenstemming met artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007. In verband hiermee licht de Raad van Bestuur het volgende toe:
Zie hoofdstuk Niet-financiële rapport van p. 16 tot p. 111.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité (BRC) komt minimum drie keer per jaar samen om onder meer voorstellen aan de Raad van Be-stuur uit te werken over het remuneratiebeleid en -niveau voor Bestuur-ders en leden van het Executive Management.# Remuneratieverslag 2022
Het BRC had drie zittingen in 2022 en onder meer de volgende agendapunten werden behandeld: de samenstelling van de Raad van Bestuur en de Comités, identificatie van kritische rollen en hun successieplanning, het remuneratiebeleid, de prestaties en de remuneratie van het Executive Management en van de Senior Executives en de voorbereiding van het Remuneratieverslag. Het BRC verwijst naar het Jaarlijks Financieel Verslag van de Groep voor een gedetailleerde beschrijving van de bedrijfsresultaten die van invloed zijn geweest op de resultaten van de verschillende divisies van de Groep, en bijgevolg op de remuneratie van het Executive Management. Er waren in 2022 geen wijzigingen in de samenstelling van het Executive Management team.
Het nieuwe remuneratiebeleid, dat goedgekeurd werd door de aandeelhouders tijdens de jaarvergadering gehouden op 11 mei 2021, is beschikbaar op de website van de Vennootschap: www.agfa.com/investorrelations. Dit remuneratiebeleid is aangepast aan de Richtlijn Aandeelhoudersrechten II, het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en de Corporate Governance Code 2020.
Het huidige remuneratiebeleid voor Bestuurders en leden van de Comités werd vastgelegd tijdens de jaarvergadering gehouden in 2021 en varieert in functie van het aantal vergaderingen waaraan ze hebben deelgenomen. De remuneratie van de Voorzitter van de Raad van Bestuur is een alomvattende vergoeding. Verdere details over de vergoeding voor het boekjaar 2022 worden later in dit remuneratieverslag verschaft.
Het remuneratiepakket van de leden van het Executive Management bestaat uit (i) een basisloon, (ii) voordelen, (iii) een variabele vergoeding op korte en op lange termijn en (iv) pensioengerelateerde vergoedingen. Deze verschillende componenten worden in detail beschreven in het remuneratiebeleid van de Vennootschap. De impact van het Global Bonus Plan op de verloning van het Executive Committee in het jaar 2022 wordt verder in dit Remuneratieverslag gespecificeerd.
De jaarvergadering gehouden op 10 mei 2022 heeft het vorige remuneratieverslag goedgekeurd met 83,9% van de stemmen (tegenover 57.4% van de stemmen in 2021). Bij het opstellen en herzien van zijn remuneratiebeleid houdt Agfa-Gevaert rekening met de stemmen en suggesties van haar aandeelhouders. Agfa-Gevaert nodigt haar aandeelhouders uit tot een open en transparante communicatie over haar remuneratiebeleid en andere Corporate Governance-aspecten.
Zoals bepaald in het huidige beleid, ontvangen de niet-uitvoerende bestuurders een vaste vergoeding en eventueel een aanwezigheidsvergoeding. De niet-uitvoerende bestuurders ontvangen géén prestatiegebonden remuneratie die rechtstreeks verband houdt met de resultaten van de Vennootschap. De niet-uitvoerende bestuurders ontvingen voor het boekjaar 2021 eveneens géén deel van hun remuneratie in de vorm van aandelen van de Vennootschap. Overeenkomstig het beleid, krijgen niet-uitvoerende bestuurders geen vergoeding in aandelen zoals aanbevolen in bepaling 7.6 van de Corporate Governance Code 2020. Agfa past Principe 6 van de Code toe en meent dat een volledige vergoeding van niet-uitvoerende bestuurders in cash beter het vermijden van enig belangenconflict dient en hun volledige onafhankelijkheid van geest garandeert. Onkosten (bv. voor intercontinentale of internationale reizen) worden afzonderlijk vergoed. De CEO ontvangt enkel vergoedingen als lid van het Executive Management. Hij ontvangt geen afzonderlijke vergoeding voor zijn rol als uitvoerend bestuurder.
Het remuneratiebeleid werd herzien toen de heer Juéry het bedrijf vervoegde als CEO. Het nieuwe remuneratiebeleid dat ter goedkeuring werd voorgelegd aan de jaarvergadering gehouden in 2021 borduurt verder op de aanpak die gevolgd werd in de contractafspraken met de heer Juéry. Dit nieuwe beleid werd verder uitgerold naarmate nieuwe leden het Executive Comité vervoegden of telkens wanneer de huidige leden van het Executive Comité hun bestaande contractuele afspraken wensen aan te passen aan dergelijk nieuw beleid. Het BRC verifieert op regelmatige basis of de verloning van het Executive Management nog gepast is, en doet voor zover nodig voorstellen tot wijziging aan de Raad van Bestuur.
De verloning van de CEO bestaat uit een vaste vergoeding, een korte termijn variabele vergoeding en een lange termijn variabele vergoeding. De toekenning en het bedrag van de korte termijn variabele vergoeding is afhankelijk van de Groepsresultaten en van het behalen van persoonlijke doelstellingen die worden vastgelegd door de Raad van Bestuur. De lange termijn variabele vergoeding werd ingebed in een Stock Appreciation Rights Plan en kan leiden tot een bijkomende cash bonus. De belangrijkste elementen van dit Stock Appreciation Rights Plan zijn:
Daarnaast heeft de heer Juéry recht op de vergoeding van redelijke internationale reiskosten en representatiekosten.
De verloning van de huidige leden van het Executive Comité bestaat uit een vaste vergoeding en een korte en lange termijn variabele vergoeding. De korte termijn cash-component bedraagt 50% van hun basissalaris en hangt af van het behalen van financiële en persoonlijke doelstellingen op niet meer dan één jaar. De lange termijn component wordt afgedekt middels een Stock Appreciation Rights Plan. De variabele vergoeding kan eventueel gedeeltelijk omgezet worden in een pensioenpremie. Daarnaast hebben de leden van het Executive Comité recht op bepaalde voordelen in natura, zoals een bedrijfswagen, een representatievergoeding, maaltijdcheques en diverse verzekeringen. Bij aanwerving van één van de leden van het Executive Comité werd er een aanmeldbonus van 100.000 euro toegekend om verloren schadevergoeding af te kopen die de kandidaat had vooraleer bij Agfa te komen. Deze aanmeldbonus zal worden betaald over een periode van twee jaar.
Tabel 1 – Vergoeding van de bestuurders over het gerapporteerde boekjaar. De bestuurders ontvangen geen vergoeding vanwege andere vennootschappen van de Agfa-Gevaert Groep.
| naam bestuurder, positie | Vaste remuneratie Raad van Bestuur fee | Vaste remuneratie Comité fee | Variabele remuneratie Bijkomende voordelen | Variabele remuneratie Één-jaar variabele | Variabele remuneratie Meerjaren variabele | Uitzonderlijke items | Pensioenen | Totale remuneratie | Verhouding vaste en variabele remuneratie |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Frank Aranzana ( voorzitter van de Raad van Bestuur en lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité; Vaste vertegenwoordiger van Vantage Consulting SRL ) | 30.000 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 30.000 | 0,00% |
| Pascal Juéry ( uitvoerend bestuurder (CEO); Vaste vertegenwoordiger van PJY Management BV ) | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0,00% |
| Mark Pensaert ( Niet-uitvoerend bestuurder en lid van het Auditcomité; Vaste vertegenwoordiger van MRP Consulting BV ) | 18.000 | 8.000 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 26.000 | 0,00% |
| Christian Reinaudo ( Niet-uitvoerend bestuurder en voorzitter van het Benoemings- en Remuneratiecomité ) | 18.000 | 12.000 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 30.000 | 0,00% |
| Klaus Röhrig ( Niet-uitvoerend bestuurder en lid van het Auditcomité ) | 18.000 | 13.000 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 31.000 | 0,00% |
| Helen Routh ( Niet-uitvoerend bestuurder en lid van het Auditcomité; Als natuurlijk persoon tot 30 juni 2022; Permanente vertegenwoordiger van H F Routh Consulting LLC vanaf 30 juni 2022 ) | 18.000 | 13.000 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 31.000 | 0,00% |
| Line De Decker ( Niet-uitvoerend bestuurder en lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité; Vaste vertegenwoordiger van Albert House BV ) | 10.000 | 7.000 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 17.000 | 0,00% |
| TOTAAL | 97.000 | 53.000 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 150.000 | Variabel: 0,00% |
Tabel 2 – Vergoeding van de CEO.
| naam van de bestuurder, positie | Vaste remuneratie Basisvergoeding | Vaste remuneratie Fees | Vaste remuneratie Bijkomende voordelen | Variabele remuneratie Één-jaar variabele | Variabele remuneratie Meerjaren variabele | Uitzonderlijke items | Pensioenen | Totale remuneratie | Verhouding vaste en variabele remuneratie (*) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Pascal Juéry ( uitvoerend bestuurder (CEO); Vaste vertegenwoordiger van PJY Management BV ) | 420.000 | 0 | 0 | 202.675,0 | 0 | 0 | 0 | 622.675,0 | Variabel: 32,54% |
| TOTAAL | 420.000 | 0 | 0 | 202.675 | 0 | 0 | 0 | 622.675 | Variabel: 32,54% |
Tabel 3 – Gezamenlijke vergoeding van de leden van het Executive Comité in 2022.# Gebruiksverklaring
Agfa-Gevaert NV heeft in overeenstemming met de GRI-standaarden gerapporteerd over de periode 1 januari 2022 tot en met 31 december 2022. GRI 1 gebruikt GRI 1: Foundation 2021.
| GRI-STANDAARD OPENBAARMAKING | LOCATIE | Pagina |
|---|---|---|
| GRI 1: Algemene Openbaarmakingen | Bedrijfsprofile – Wereldwijd productie- en verkoopnetwerk | 26-27 |
| Bedrijfsprofile – Agfa in de Wereld | 18 | |
| Corporate Governance Verklaring – Algemene Bedrijfsinformatie | 26-28 | |
| GRI 1: Details van de organisatie | Entiteiten opgenomen in de duurzaamheidsrapportage van de organisatie | 11 |
| OVER DIT VERSLAG | Reikwijdte van de gerapporteerde gegevens en het raportageproces | 11 |
| Frequentie en contactpunt | 12-13 | |
| GRI 1: Herformuleringen van informatie | Bijlagen: Toelichting bij aanpassingen aan de KPI-gegevens | 197 |
| GRI 1: Externe waarborging | Corporate Governance Verklaring – Commissaris | 28 |
| GRI 1: Activiteiten, waardeketen en andere zakelijke relaties | Bedrijfsprofile – Wereldwijd productie- en verkoopnetwerk | 26 |
| HealthCare IT; Radiology Solutions; Digital Print & Chemicals; Offset Solutions | 27; 212-216 | |
| GRI 1: Werknemers | Focus op onze mensen – Wij zijn Agfa | 86-88 |
| GRI 1: Bestuursstructuur en samenstelling | Bedrijfsinformatie – Onze bestuursstructuur | 27 |
| Corporate Governance Verklaring | 159-180 | |
| GRI 1: Benoeming en selectie van het hoogste bestuursorgaan | Corporate Governance Verklaring | 159-180 |
| GRI 1: Voorzitter van het hoogste bestuursorgaan | Corporate Governance Verklaring | 159-180 |
| GRI 1: Rol van het hoogste bestuursorgaan bij het toezicht op het beheer van de effecten | Bedrijfsinformatie – Onze bestuursstructuur | 27 |
| Corporate Governance Verklaring | 159-180 | |
| GRI 1: Delegatie van verantwoordelijkheid voor effectbeheer | Bedrijfsinformatie – Onze bestuursstructuur | 27 |
| Corporate Governance Verklaring | 159-180 | |
| GRI 1: Rol van het hoogste bestuursorgaan in duurzaamheidsverslaggeving | Bedrijfsinformatie – Onze bestuursstructuur | 27 |
| GRI 1: Belangenconflicten | Corporate Governance Verklaring | 159-180 |
| GRI 1: Evaluatie van de prestaties van het hoogste bestuursorgaan | Corporate Governance Verklaring – Evaluatie van de Raad van Bestuur en zijn Comités | 171 |
| GRI 1: Remuneratiebeleid | Corporate Governance Verklaring – Remuneratieverslag | 173 |
| GRI 1: Proces ter bepaling van de remuneratie | Corporate Governance Verklaring – Remuneratieverslag | 173 |
| GRI 1: Verklaring over de strategie voor duurzame ontwikkeling | Brief aan de aandeelhouders | 8 |
| GRI 1: Beleidsverbintenissen | Focus op duurzame prestaties – Ethisch zakelijk gedrag en naleving | 90-91 |
| Focus op onze mensen – Respect voor de mensenrechten | 88-91; 128-131 | |
| GRI 1: Verankering van beleidsverbintenissen | Focus op duurzame prestaties – Ethisch zakelijk gedrag en naleving | 90-91 |
| Focus op onze mensen – Respect voor de mensenrechten | 88-91; 128-131 | |
| GRI 1: Mechanismen voor het inwinnen van advies en het uiten van bezorgdheid | Focus op duurzame prestaties – Ethisch zakelijk gedrag en naleving | 128-131 |
| GRI 1: Lidmaatschap verenigingen | Bedrijfsinformatie – Onze stakeholders | 28-200 |
| GRI 1: Aanpak van stakeholder-betrokkenheid | Bedrijfsinformatie – Onze stakeholders | 27-200 |
| GRI 2: Materiële Onderwerpen | Bedrijfsinformatie – Dubbele materialiteitsbeoordeling | 23 |
| Lijst van materiële onderwerpen | 23 | |
| GRI 201: Corruptiebestrijding | Ethisch zakelijk gedrag en naleving | 128-131 |
| GRI 205: Corruptiebestrijding | Bevestigde gevallen van corruptie en getroffen maatregelen | 128-131 |
| GRI 206: Concur- rentieverstorend gedrag | Rechtsvorderingen wegens concurrentieverstorend gedrag, kartelvorming en monopolistische praktijken | 128-131 |
| Ethisch zakelijk gedrag en naleving | 128-131 | |
| GRI 301: Materialen | Gebruikte gerecycleerde grondstoffen | 12-21 |
| Focus op onze planeet – Schaarsheid en efficiënt gebruik van middelen (grondstoffen) | 112-121 | |
| GRI 302: Energie | Energieverbruik binnen de organisatie | 12-21 |
| Focus op onze planeet – Energieverbruik | 162-163 | |
| Energie-intensiteit | 162-163 | |
| Vermindering van energieverbruik | 162-163 | |
| GRI 303: Water en afvalwater | Waterverbruik | 12-21 |
| Focus op onze planeet – Water en afvalwater | 208-209 | |
| GRI 305: Emissies | Directe broeikasgasemissies (Scope 1) | 12-21 |
| Focus op onze planeet – Uitstoot van broeikasgassen (BKG) | 164-171 | |
| Indirecte energiegerelateerde broeikasgasemissies (scope 2) | 164-171 | |
| Intensiteit broeikasgasemissies | 164-171 | |
| Vermindering van broeikasgasemissies | 164-171 | |
| Emissies van ozonafbrekende stoffen (ODS) | 12-21 | |
| Focus op onze planeet – Overige uitstoot naar de lucht | 172-173 | |
| Stikstofoxiden (NOx), zwaveloxiden (SOx) en andere significante emissies naar de lucht | 172-173 | |
| GRI 306: Afval | Geproduceerd afval | 12-21 |
| Focus op onze planeet – Kringloopeconomie: Afvalbeheer & recyclage van producten | 121-127 | |
| Niet-verwijderd afval | 121-127 | |
| Verwijderd afval | 121-127 | |
| GRI 401: Tewerkstelling | Nieuwe aanwervingen | 12-21 |
| Focus op onze mensen – Werknemerswelzijn, Menselijk Kapitaal en Opleiding & Ontwikkeling | 189 | |
| GRI 403: Veiligheid en Gezondheid op het Werk | Beheersysteem voor gezondheid en veiligheid op het werk | 12-21 |
| Focus op onze mensen – Gezondheid & Veiligheid | 193-196 | |
| Bedrijfsgezondheidsdiensten | 193-196 | |
| Werkgerelateerde letsels | 193-196 | |
| GRI 404: Training en Opleiding | Gemiddeld aantal uren opleiding per jaar per werknemer | 12-21 |
| Focus op onze mensen – Opleiding & Ontwikkeling | 190 | |
| Programma's ter verbetering van de vaardigheden van werknemers | 12-21 | |
| Focus op onze mensen – Loopbaanbegeleiding, prestatie- en talentmanagement | 191-192 | |
| GRI 405: Diversiteit en Gelijke Kansen | Diversiteit van bestuursorganen en werknemers | 12-21 |
| Focus op onze mensen – Wij zijn Agfa | 86-88 | |
| Focus op onze mensen – Diversiteit, Gelijkheid & Inclusie | 189-190 | |
| Verhouding van het basissalaris en de bezoldiging van vrouwen tot die van mannen | 12-21 | |
| Focus op onze mensen – Beleid en praktijken op het vlak van verloning | 197-198 |
Kritische prestatie-indicatoren (KPIs)
Hieronder volgt een samenvatting van onze vooruitgang met betrekking tot de belangrijkste kritische prestatie-indicatoren. Meer details over specifieke uitsplitsingen, bv. afval per type bestemming, en uitleg over de acties die de veranderingen aansturen, worden gegeven in de specifieke hoofdstukken van dit verslag. Aangezien wij op verschillende tijdstippen zijn begonnen met het volgen van verschillende KPI's, zijn sommige oudere gegevens wellicht niet beschikbaar. Wij zijn van plan het aantal bekendgemaakte KPI's geleidelijk uit te breiden op basis van de behoeften die in overleg met onze interne en externe belanghebbenden zijn vastgesteld.
| Kritische prestatie-indicatoren (KPIs) | Eenheid | 2022 | 2021 | Evolutie 1 jaar | 2020 | Evolutie 2 jaar | 2019 | Evolutie 3 jaar |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Focus op onze planeet | ||||||||
| Productvolumes | ton/jaar | 217.259 | 246.745 | -12% | 275.000 | -21% | 161.891 | -34% |
| Percentage gerecycleerd aluminium | % | 18.4% | 16.5% | 2% | 12.7% | 8% | - | - |
| Totaal afvalvolume | ton/jaar | 17.598 | 19.572 | -10% | 21.031 | -16% | 18.590 | -5% |
| Specifiek afvalvolume | kg/ton product | 131.1 | 130.1 | 1% | 123.4 | 6% | 110.5 | 19% |
| Aandeel gevaarlijk afval | % | 11.6% | 11.7% | -1% | 12.5% | -7% | 10.7% | -8% |
| Niet-gestort afval | % | 81.6% | 81.2% | -0% | 78.7% | 3% | 78.5% | 4% |
| Totaal waterverbruik | m³/jaar | 7.307.333 | 7.116.131 | -3% | 7.837.121 | -7% | 7.750.807 | -6% |
| Specifiek waterverbruik | m³/ton product | 16.7 | 15.7 | -6% | 15.8 | 6% | 14.8 | 13% |
| Totale hoeveelheid afvalwater | m³/jaar | 3.455.145 | 3.471.265 | -0% | 3.710.871 | -7% | 3.023.547 | 14% |
| Specifiek afvalwatervolume | m³/ton product | 15.91 | 14.08 | 13% | 14.75 | 8% | 12.16 | 31% |
| Verontreinigende belasting van het afvalwater | ton per jaar | 145 | 147 | -1% | 371 | -61% | 712 | -80% |
| Totaal energieverbruik | TJ/jaar | 1.126 | 1.136 | -1% | 1.520 | -26% | 2.029 | -44% |
| Specifiek energieverbruik | GJ/ton product | 17.9 | 17.1 | -5% | 17.6 | -1% | 17.7 | 1% |
| Totale CO₂-uitstoot (Scope 1 + Scope 2) naar lucht | kton/jaar | 255.5 | 217.3 | -18% | 181.1 | 41% | 152.1 | 68% |
| Specifieke CO₂-emissies naar de lucht | ton/ton product | 1.176 | 0.880 | 34% | 0.659 | 78% | 0.643 | 83% |
| Emissies van ozonafbrekende stoffen | kg R22-equivalenten/jaar | 200.0 | 200.0 | 0% | - | - | - | - |
| NOx, SO₂, VOS, VAS-emissies | ton per jaar | 258.3 | 280.1 | -8% | 172.5 | 49% | 165.9 | 56% |
| VOS-emissies | ton per jaar | 16.3 | 17.1 | -5% | 113.5 | -86% | 17.7 | -8% |
| Specifieke VOS-emissies | kg/ton product | 0.075 | 0.069 | -9% | 0.413 | -82% | 0.074 | 1% |
| Focus op onze mensen | ||||||||
| Frequentiegraad (Fg) van te melden ongevallen (aantal ongevallen/ prestatie-uren) * | 1.000.000 | 1.02 | -2% | 1.08 | -8% | 1.07 | -7% | |
| Frequentiegraad (Fg) van ongevallen met minimum één verloren werkdag (aantal ongevallen/ gewerkte uren) * | 1.000.000 | 0.28 | -12% | 0.31 | -10% | 0.25 | 12% | |
| Aantal ongevallen met minimum één verloren werkdag | 20 | 24 | -17% | 23 | -13% | 18 | 11% | |
| Graad van ernst van de ongevallen met minimum één verloren werkdag (Aantal verloren werkdagen/ gewerkte uren) * | 1.000 | 0.000161 | -12% | 0.000161 | -12% | 0.000187 | -14% | |
| Vrouwen totaal personeelsbestand | % | 23.5% | 23.8% | -1% | 23.9% | -2% | - | - |
| Vrouwen bij aanwerving | % | 24.3% | 24.7% | -2% | 25.7% | -5% | - | - |
| Vrouwen hoog management (niveau 1 en 2) | % | 11.5% | 12.0% | -4% | 8.7% | 32% | - | - |
| Vrouwen hoog management (niveau 3) | % | 11.8% | 7.8% | 51% | 7.6% | 55% | - | - |
| Vrouwen middenkader | % | 19.5% | 19.8% | -2% | 19.8% | -2% | - | - |
| Vrouwen laag management | % | 13.7% | 13.1% | 5% | 14.1% | -3% | - | - |
| Vrouwen niet-management | % | 25.5% | 25.4% | 0% | 26.1% | -2% | - | - |
| Focus op duurzame prestaties | ||||||||
| Contracten ondertekend door belangrijke en kernleveranciers met de Agfa Leverancier CoC | % | 100.0% | 100.0% | 0% | - | - | - | - |
| % jaaromzet geïnvesteerd in O&O (voor de volledige Groep) | % | 8.5% | 8.5% | 0% | - | - | - | - |
In dit niet-financiëleduurzaamheidsverslag moeten de volgende herformuleringen van informatie ten opzichte van de vorige verslagperiode worden gerapporteerd:
* Op pagina 35 in jaarverslag 2021: Het productievolume in aantallen vermeld circa 2.295 eenheden voor medische toepassingen in 2021, terwijl dit gelezen had moeten worden als 27.295 eenheden (typefout).
* Het gerapporteerde cijfer voor verontreinigende belasting van het afvalwater in 2021 is gewijzigd van 246,2 naar 207,3 ton per jaar vanwege een fout in de gerapporteerde waarde van aluminium in Wiesbaden in Duitsland.
Criteria inzake substantiële bijdrage GEAD-criteria (Geen Ernstige Afbreuk Doen Aan)
| Economische activiteiten | Code(s) | Absolute omzet | Aandeel omzet | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en marien hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Klimaat- mitigatie | Klimaat adaptatie | Water en mariene hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Minimum- garanties | Op taxonomie afgestemd aandeel omzet, jaar 2021 | Op taxonomie afgestemd aandeel omzet, jaar 2022 | Categorie (faciliterende activiteit) | Categorie (transitie- activiteit) | Valuta |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| A. VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | |||||||||||||||||||||
| A.1 Ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) | |||||||||||||||||||||
| Omzet ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) (A.1) | - | 0,0% | 0,0% | 0,0% | - | - | - | - | - | N | - | - | - | - | 0,0% | - | |||||
| A.2 Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) | |||||||||||||||||||||
| 2.7 Fabricage van andere koolstofarme technologieën | C133 | - | 0,1% | 20.17 | 0,1% | - | |||||||||||||||
| 2.15 Vervaardiging van kunststoffen in primaire vorm | C130.13 | - | 17.487.457 | 14,2% | 5.128 | 14,2% | - | ||||||||||||||
| Distributie van stadsverwarming en -koeling | D42.20 | - | 0,0% | 5.02 | 0,0% | - | |||||||||||||||
| Hoogrenderende warmte-/koude- krachtkoppeling uit fossiele gasvormige brandstoffen | D42.11 | - | 0,0% | 5.11 | 0,0% | - | |||||||||||||||
| Opslag van thermische energie | - | 0,0% | 8.20 | 0,0% | - | ||||||||||||||||
| Bouw, uitbreiding en exploitatie van systemen voor opvang en behandeling van afvalwater | E37.00 | - | 0,0% | 8.3 | 0,0% | - | |||||||||||||||
| Materiaalterugwinning uit niet-gevaarlijke afvalstoffen | E38.20 | - | 1.736.714 | 0,8% | 7.6 | 0,8% | - | ||||||||||||||
| Exploitatie van persoonlijke vervoersmiddelen, fietslogistiek | N51.10 | - | 0,0% | 7.8 | 0,0% | - | |||||||||||||||
| Vervoer met motorfietsen, personenauto’s en lichte bedrijfsvoertuigen | N49.41 | - | 0,0% | 7.10 | 0,0% | - | |||||||||||||||
| Installatie, onderhoud en reparatie van energie-efficiënte uitrusting | F43.22, F43.29, M71.20, C33.12, C25.12 | - | 0,0% | 7.6 | 0,0% | - | |||||||||||||||
| Installatie, onderhoud en reparatie van oplaadstations voor elektrische voertuigen in gebouwen (en parkeerplaatsen verbonden aan gebouwen) | F43.22, F43.29, M71.20, C33.12 | - | 0,0% | 7.8 | 0,0% | - | |||||||||||||||
| Installatie, onderhoud en reparatie van instrumenten en apparaten voor het meten, regelen en controleren van de energieprestaties van gebouwen | F43.22, F43.29, M71.20, C33.12 | - | 0,0% | 7.8 | 0,0% | - | |||||||||||||||
| Gegevensverwerking, hosting en bijbehorende activiteiten | J63.11 | - | 1.690.264 | 0,8% | 0,8% | - | |||||||||||||||
| Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (A.2) | - | 22.762.521 | 17,2% | 17,2% | - | ||||||||||||||||
| Totaal (A.1 + A.2) | - | 22.762.521 | 17,2% | 0,0% | - | - | - | - | - | N | - | - | - | - | 17,2% | - | |||||
| B. NIET VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | |||||||||||||||||||||
| Omzet niet voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten (B) | - | 109.310.908 | 82,8% | 82,8% | - | ||||||||||||||||
| Totaal (A + B) | - | 132.073.429 | 100,0% | 100,0% | - | - | - | - | - | N | - | - | - | - | 100,0% | - |
Criteria inzake substantiële bijdrage GEAD-criteria (Geen Ernstige Afbreuk Doen Aan)
| Economische activiteiten | Code(s) | Absolute CapEx | Aandeel CapEx | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en marien hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Klimaat- mitigatie | Klimaatadap- tatie | Water en mariene hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Minimum- garanties | Op taxonomie afgestemd aandeel CapEx, jaar 2021 | Op taxonomie afgestemd aandeel CapEx, jaar 2022 | Categorie (faciliterende activiteit) | Categorie (transitie- activiteit) | Valuta |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| A. VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | |||||||||||||||||||||
| A.1 Ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) | |||||||||||||||||||||
| CapEx ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) (A.1) | - | 0,0% | 0,0% | 0,0% | - | - | - | - | - | N | - | - | - | - | 0,0% | - | |||||
| A.2 Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) | |||||||||||||||||||||
| 2.7 Fabricage van andere koolstofarme technologieën | C133 | 5.216.720 | 3,9% | ||||||||||||||||||
| 2.15 Vervaardiging van kunststoffen in primaire vorm | C130.13 | 12.737.817 | 20,2% | 5.128 | |||||||||||||||||
| Distributie van stadsverwarming en -koeling | D42.20 | 7.411 | 0,0% | 5.02 | |||||||||||||||||
| Hoogrenderende warmte-/koudekracht- koppeling uit fossiele gasvormige brandstoffen | D42.11 | - | 0,0% | 5.11 | |||||||||||||||||
| Opslag van thermische energie | 17.977 | 0,0% | |||||||||||||||||||
| Bouw, uitbreiding en exploitatie van systemen voor opvang en behandeling van afvalwater | E37.00 | - | 0,0% | 8.3 | |||||||||||||||||
| Materiaalterugwinning uit niet-gevaarlijke afvalstoffen | E38.20 | - | 0,0% | ||||||||||||||||||
| Exploitatie van persoonlijke vervoersmiddelen, fietslogistiek | N51.10 | - | 0,0% | 7.8 | |||||||||||||||||
| Vervoer met motorfietsen, personenauto’s en lichte bedrijfsvoertuigen | N49.41 | - | 0,0% | 7.10 | |||||||||||||||||
| Installatie, onderhoud en reparatie van energie-efficiënte uitrusting | F43.22, F43.29, M71.20, C33.12, C25.12 | 3.111 | 0,0% | 7.6 | |||||||||||||||||
| Installatie, onderhoud en reparatie van oplaadstations voor elektrische voertuigen in gebouwen (en parkeerplaatsen verbonden aan gebouwen) | F43.22, F43.29, M71.20, C33.12 | - | 0,0% | 7.8 | |||||||||||||||||
| Installatie, onderhoud en reparatie van instrumenten en apparaten voor het meten, regelen en controleren van de energieprestaties van gebouwen | F43.22, F43.29, M71.20, C33.12 | - | 0,0% | 7.8 | |||||||||||||||||
| Gegevensverwerking, hosting en bijbehorende activiteiten | J63.11 | - | 0,0% | ||||||||||||||||||
| Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (A.2) | 20.975.395 | 79,7% | |||||||||||||||||||
| Totaal (A.1 + A.2) | 26.233.133 | 100,0% | 0,0% | 0,0% | - | - | - | - | - | N | - | - | - | - | 0,0% | - | |||||
| B. NIET VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | |||||||||||||||||||||
| Omzet niet voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten (B) | 3.262.072 | 20,3% | 20,3% | - | # Criteria inzake substantiële bijdrage |
| Economische activiteiten | Code(s) | Absolute CapEx | Aandeel CapEx | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en marien hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en mariene hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Minimum- garanties | Op taxonomie afgestemd aandeel CapEx, jaar 2023 | Op taxonomie afgestemd aandeel CapEx, jaar 2022 | Categorie (faciliterende activiteit) | Categorie (transitie- activiteit) | Valuta |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | J/N | % | % | % | % | % | ||
| A. VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | |||||||||||||||||||||
| A.1 Ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) | |||||||||||||||||||||
| CapEx ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) (A.1) | - | 0,0% | 0,0% | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | N | - | 0,0% | - | - | ||
| A.2 Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) | |||||||||||||||||||||
| 2.7 Fabricage van andere koolstofarme technologieën | C1.7 | 526,167 | 1,9% | 20,7% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 2.19 Vervaardiging van kunststoffen in primaire vorm | C1.19 | 21.738.216 | 20,6% | 6,1% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 5.2 Distributie van stadsverwarming en -koeling | D25.2 | 31.011.333 | 1,3% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 5.1 Hoogrenderende warmte-/koudekracht- koppeling uit fossiele gasvormige brandstoffen | D25.1 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 5.11 Opslag van thermische energie | - | 127.877.966 | 1,7% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 6.2 Bouw, uitbreiding en exploitatie van systemen voor opvang en behandeling van afvalwater | E25.2 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 6.3 Materiaalterugwinning uit niet-gevaarlijke afvalstoffen | E25.3 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 7.2 Exploitatie van persoonlijke vervoersmiddelen, fietslogistiek | N11.2 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 7.3 Vervoer met motorfietsen, personenauto's en lichte bedrijfsvoertuigen | N11.2 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 8.2 Installatie, onderhoud en reparatie van energie-efficiënte uitrusting | F15, F25, M11, C1.8, C25.13 | 12.111.111 | 1,2% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| Installatie, onderhoud en reparatie van oplaadstations voor elektrische voertuigen in gebouwen (en parkeerplaatsen verbonden aan gebouwen) | F15, F25, M11, C1.8 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| Installatie, onderhoud en reparatie van instrumenten en apparaten voor het meten, regelen en controleren van de energieprestaties van gebouwen | F15, F25, M11, C1.8 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 9.1 Gegevensverwerking, hosting en bijbehorende activiteiten | J50.1 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (A.2) | 75.906.173 | 20,1% | |||||||||||||||||||
| Totaal (A.1 + A.2) | 75.906.173 | 20,1% | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Absolute CapEx | Aandeel CapEx | Totaal (A + B) | |||
|---|---|---|---|---|---|
| CapEx niet voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten (B) | 318.723.921 | 79,9% | 394.629.994 | 100,0% |
304
| Economische activiteiten | Code(s) | Absolute OpEx | Aandeel OpEx | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en marien hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en mariene hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Minimum- garanties | Op taxonomie afgestemd aandeel OpEx, jaar 2023 | Op taxonomie afgestemd aandeel OpEx, jaar 2022 | Categorie (faciliterende activiteit) | Categorie (transitie- activiteit) | Valuta |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | J/N | % | % | % | % | % | ||
| A. VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | |||||||||||||||||||||
| A.1 Ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) | |||||||||||||||||||||
| OpEx ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) (A.1) | - | 0,0% | 0,0% | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | N | - | 0,0% | - | - | ||
| A.2 Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) | |||||||||||||||||||||
| 2.7 Fabricage van andere koolstofarme technologieën | C1.7 | 18.207.988 | 0,9% | 20,7% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 2.19 Vervaardiging van kunststoffen in primaire vorm | C1.19 | 15.018.855.797 | 15,6% | 6,1% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 5.2 Distributie van stadsverwarming en -koeling | D25.2 | 75.880.813 | 0,8% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 5.1 Hoogrenderende warmte-/koudekracht- koppeling uit fossiele gasvormige brandstoffen | D25.1 | 1.029.246.921 | 3,3% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 5.11 Opslag van thermische energie | - | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 6.2 Bouw, uitbreiding en exploitatie van systemen voor opvang en behandeling van afvalwater | E25.2 | 1.852.769.120 | 1,1% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 6.3 Materiaalterugwinning uit niet-gevaarlijke afvalstoffen | E25.3 | 137.000.000 | 0,7% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 7.2 Exploitatie van persoonlijke vervoersmiddelen, fietslogistiek | N11.2 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 7.3 Vervoer met motorfietsen, personenauto's en lichte bedrijfsvoertuigen | N11.2 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 8.2 Installatie, onderhoud en reparatie van energie-efficiënte uitrusting | F15, F25, M11, C1.8, C25.13 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| Installatie, onderhoud en reparatie van oplaadstations voor elektrische voertuigen in gebouwen (en parkeerplaatsen verbonden aan gebouwen) | F15, F25, M11, C1.8 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| Installatie, onderhoud en reparatie van instrumenten en apparaten voor het meten, regelen en controleren van de energieprestaties van gebouwen | F15, F25, M11, C1.8 | 66.808 | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 9.1 Gegevensverwerking, hosting en bijbehorende activiteiten | J50.1 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (A.2) | 17.056.401.177 | 21,7% | |||||||||||||||||||
| Totaal (A.1 + A.2) | 17.056.401.177 | 21,7% | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Absolute OpEx | Aandeel OpEx | Totaal (A + B) | |||
|---|---|---|---|---|---|
| OpEx niet voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten (B) | 61.226.740.363 | 78,3% | 78.283.141.540 | 100,0% |
306
| Economische activiteiten | Code(s) | Absolute OpEx | Aandeel OpEx | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en marien hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en mariene hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Minimum- garanties | Op taxonomie afgestemd aandeel OpEx, jaar 2023 | Op taxonomie afgestemd aandeel OpEx, jaar 2022 | Categorie (faciliterende activiteit) | Categorie (transitie- activiteit) | Valuta |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | J/N | % | % | % | % | % | ||
| A. VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | |||||||||||||||||||||
| A.1 Ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) | |||||||||||||||||||||
| OpEx ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) (A.1) | - | 0,0% | 0,0% | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | N | - | 0,0% | - | - | ||
| A.2 Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) | |||||||||||||||||||||
| 2.7 Fabricage van andere koolstofarme technologieën | C1.7 | 18.207.988 | 0,9% | 20,7% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 2.19 Vervaardiging van kunststoffen in primaire vorm | C1.19 | 15.018.855.797 | 15,6% | 6,1% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 5.2 Distributie van stadsverwarming en -koeling | D25.2 | 75.880.813 | 0,8% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 5.1 Hoogrenderende warmte-/koudekracht- koppeling uit fossiele gasvormige brandstoffen | D25.1 | 1.029.246.921 | 3,3% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 5.11 Opslag van thermische energie | - | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 6.2 Bouw, uitbreiding en exploitatie van systemen voor opvang en behandeling van afvalwater | E25.2 | 1.852.769.120 | 1,1% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 6.3 Materiaalterugwinning uit niet-gevaarlijke afvalstoffen | E25.3 | 137.000.000 | 0,7% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 7.2 Exploitatie van persoonlijke vervoersmiddelen, fietslogistiek | N11.2 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 7.3 Vervoer met motorfietsen, personenauto's en lichte bedrijfsvoertuigen | N11.2 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 8.2 Installatie, onderhoud en reparatie van energie-efficiënte uitrusting | F15, F25, M11, C1.8, C25.13 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| Installatie, onderhoud en reparatie van oplaadstations voor elektrische voertuigen in gebouwen (en parkeerplaatsen verbonden aan gebouwen) | F15, F25, M11, C1.8 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| Installatie, onderhoud en reparatie van instrumenten en apparaten voor het meten, regelen en controleren van de energieprestaties van gebouwen | F15, F25, M11, C1.8 | 66.808 | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| 9.1 Gegevensverwerking, hosting en bijbehorende activiteiten | J50.1 | - | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | F | T | ||||
| Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (A.2) | 17.056.401.177 | 21,7% | |||||||||||||||||||
| Totaal (A.1 + A.2) | 17.056.401.177 | 21,7% | 0,0% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Absolute OpEx | Aandeel OpEx | Totaal (A + B) | |||
|---|---|---|---|---|---|
| OpEx niet voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten (B) | 61.226.740.363 | 78,3% | 78.283.141.540 | 100,0% |
307
| Economische activiteiten | Code(s) | Absolute omzet | Aandeel omzet | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en marien hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en mariene hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- ning | Biodiversiteit en ecosystemen | Minimum- garanties | Op taxonomie afgestemd aandeel omzet, jaar 2023 | Op taxonomie afgestemd aandeel omzet, jaar 2022 | Categorie (faciliterende activiteit) | Categorie (transitie- activiteit) | Valuta |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | % | J/N | % | % | % | % | % | ||
| A. |
Omzet ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) (A.)
| Code | Absolute Omzet | Aandeel Omzet | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en marien hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en mariene hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Minimum- garanties | Op taxonomie afgestemd aandeel omzet, jaar 2022 | Op taxonomie afgestemd aandeel omzet, jaar 2023 | Categorie (faciliterende activiteit) | Categorie (transitie- activiteit) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| - | - | ,% | ,% | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | N | - | ,% | ,% | - | - |
| Code(s) | Absolute Omzet | Aandeel Omzet | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en marien hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en mariene hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Minimum- garanties | Op taxonomie afgestemd aandeel omzet, jaar 2022 | Op taxonomie afgestemd aandeel omzet, jaar 2023 | Categorie (faciliterende activiteit) | Categorie (transitie- activiteit) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| . Fabricage van andere koolstofarme technologieën C | .. | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Vervaardiging van kunststoen in primaire vorm C. | .. | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Distributie van stadsverwarming en -koeling D. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Hoogrenderende warmte-/koudekracht- koppeling uit fossiele gasvormige brandstoen D. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Opslag van thermische energie - | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Bouw, uitbreiding en exploitatie van systemen voor opvang en behandeling van afvalwater E. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Materiaalterugwinning uit niet-gevaarlijke afvalstoen E. | .. | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Exploitatie van persoonlijke vervoersmiddelen, etslogistiek N. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Vervoer met motoretsen, personenauto’s en lichte bedrijfsvoertuigen N. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Installatie, onderhoud en reparatie van energie-eciënte uitrusting F, F, M, C, C. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Installatie, onderhoud en reparatie van oplaadstations voor elektrische voertuigen in gebouwen (en parkeerplaatsen verbonden aan gebouwen) F, F, M, C | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Installatie, onderhoud en reparatie van instrumenten en apparaten voor het meten, regelen en controleren van de energieprestaties van gebouwen F, F, M, C | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Gegevensverwerking, hosting en bijbehorende activiteiten J. | .. | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (A.) | .. | ,% | ,% | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| Totaal (A. + A.) | .. | ,% | ,% | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
Omzet niet voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten (B)
| Code | Absolute Omzet | Aandeel Omzet | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en marien hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en mariene hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Minimum- garanties | Op taxonomie afgestemd aandeel omzet, jaar 2022 | Op taxonomie afgestemd aandeel omzet, jaar 2023 | Categorie (faciliterende activiteit) | Categorie (transitie- activiteit) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| - | ... | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
Totaal (A + B)
| Code | Absolute Omzet | Aandeel Omzet | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en marien hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Klimaat- mitigatie | Klimaat- adaptatie | Water en mariene hulp- bronnen | Circulaire economie | Verontrei- niging | Biodiversiteit en ecosystemen | Minimum- garanties | Op taxonomie afgestemd aandeel omzet, jaar 2022 | Op taxonomie afgestemd aandeel omzet, jaar 2023 | Categorie (faciliterende activiteit) | Categorie (transitie- activiteit) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| - | ... | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
308 AgfA-gevAert – jAArverslAg 2022 — 2022
| Economische activiteiten () | Code(s) () | Absolute CapEx () | Aandeel CapEx () | Klimaat- mitigatie () | Klimaat- adaptatie () | Water en marien hulp- bronnen () | Circulaire economie () | Verontrei- niging () | Biodiversiteit en ecosystemen () | Klimaat- mitigatie () | Klimaat- adaptatie () | Water en mariene hulp- bronnen () | Circulaire economie () | Verontrei- niging () | Biodiversiteit en ecosystemen () | Minimum- garanties () | Op taxonomie afgestemd aandeel CapEx, jaar 2022 () | Op taxonomie afgestemd aandeel CapEx, jaar 2023 () | Categorie (faciliterende activiteit) () | Categorie (transitie- activiteit) () |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| A. VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | ||||||||||||||||||||
| A. Ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) | ||||||||||||||||||||
| CapEx ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) (A.) | - | - | ,% | ,% | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | N | - | ,% | ,% | - |
| A. Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) | ||||||||||||||||||||
| . Fabricage van andere koolstofarme technologieën C | .. | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Vervaardiging van kunststoen in primaire vorm C. | .. | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Distributie van stadsverwarming en -koeling D. | . | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Hoogrenderende warmte-/koudekracht- koppeling uit fossiele gasvormige brandstoen D. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Opslag van thermische energie - | . | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Bouw, uitbreiding en exploitatie van systemen voor opvang en behandeling van afvalwater E. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Materiaalterugwinning uit niet-gevaarlijke afvalstoen E. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Exploitatie van persoonlijke vervoersmiddelen, etslogistiek N. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Vervoer met motoretsen, personenauto’s en lichte bedrijfsvoertuigen N. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Installatie, onderhoud en reparatie van energie-eciënte uitrusting F, F, M, C, C. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Installatie, onderhoud en reparatie van oplaadstations voor elektrische voertuigen in gebouwen (en parkeerplaatsen verbonden aan gebouwen) F, F, M, C | . | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Installatie, onderhoud en reparatie van instrumenten en apparaten voor het meten, regelen en controleren van de energieprestaties van gebouwen F, F, M, C | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Gegevensverwerking, hosting en bijbehorende activiteiten J. | - | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (A.) | .. | ,% | ,% | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Totaal (A. + A.) | .. | ,% | ,% | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| B. NIET VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | ||||||||||||||||||||
| CapEx niet voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten (B) | .. | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Totaal (A + B) | .. | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
309
| Economische activiteiten () | Code(s) () | Absolute CapEx () | Aandeel CapEx () | Klimaat- mitigatie () | Klimaat- adaptatie () | Water en marien hulp- bronnen () | Circulaire economie () | Verontrei- niging () | Biodiversiteit en ecosystemen () | Klimaat- mitigatie () | Klimaat- adaptatie () | Water en mariene hulp- bronnen () | Circulaire economie () | Verontrei- niging () | Biodiversiteit en ecosystemen () | Minimum- garanties () | Op taxonomie afgestemd aandeel CapEx, jaar 2022 () | Op taxonomie afgestemd aandeel CapEx, jaar 2023 () | Categorie (faciliterende activiteit) () | Categorie (transitie- activiteit) () |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| A. VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | ||||||||||||||||||||
| A. Ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) | ||||||||||||||||||||
| CapEx ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) (A.) | - | - | ,% | ,% | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | N | - | ,% | ,% | - |
| A. Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) | ||||||||||||||||||||
| . Fabricage van andere koolstofarme technologieën C | .. | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Vervaardiging van kunststoen in primaire vorm C. | .. | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Distributie van stadsverwarming en -koeling D. | . | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Hoogrenderende warmte-/koudekracht- koppeling uit fossiele gasvormige brandstoen D. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Opslag van thermische energie - | . | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Bouw, uitbreiding en exploitatie van systemen voor opvang en behandeling van afvalwater E. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Materiaalterugwinning uit niet-gevaarlijke afvalstoen E. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Exploitatie van persoonlijke vervoersmiddelen, etslogistiek N. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Vervoer met motoretsen, personenauto’s en lichte bedrijfsvoertuigen N. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Installatie, onderhoud en reparatie van energie-eciënte uitrusting F, F, M, C, C. | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Installatie, onderhoud en reparatie van oplaadstations voor elektrische voertuigen in gebouwen (en parkeerplaatsen verbonden aan gebouwen) F, F, M, C | . | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Installatie, onderhoud en reparatie van instrumenten en apparaten voor het meten, regelen en controleren van de energieprestaties van gebouwen F, F, M, C | - | ,% | . | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Gegevensverwerking, hosting en bijbehorende activiteiten J. | - | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (A.) | .. | ,% | ,% | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Totaal (A. + A.) | .. | ,% | ,% | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| B. NIET VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | ||||||||||||||||||||
| CapEx niet voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten (B) | .. | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | |
| Totaal (A + B) | .. | ,% | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
310 # Agfa-Gevaert – Jaarverslag 2022
OpEx ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) (A.1)
| Economische activiteiten (1) | Code(s) (2) | Absolute OpEx (3) | Aandeel OpEx (4) | Klimaat- mitigatie (5) | Klimaat- adaptatie (6) | Water en marien hulp- bronnen (7) | Circulaire economie (8) | Verontrei- niging (9) | Biodiversiteit en ecosystemen (10) | Klimaat- mitigatie (11) | Klimaat- adaptatie (12) | Water en mariene hulp- bronnen (13) | Circulaire economie (14) | Verontrei- niging (15) | Biodiversiteit en ecosystemen (16) | Minimum- garanties (17) | Op taxonomie afgestemd aandeel OpEx, jaar 2021 (18) | Op taxonomie afgestemd aandeel OpEx, jaar 2022 (19) | Categorie (faciliterende activiteit) (20) | Categorie (transitie- activiteit) (21) | Valuta |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... |
| Installatie, onderhoud en reparatie van instrumenten en apparaten voor het meten, regelen en controleren van de energieprestaties van gebouwen | F26, F27, M10, C28 | - | 0,0% | - | - | - | - | N | - | - | - | - | - | - | - | 0,0% | 0,0% | € | |||
| Gegevensverwerking, hosting en bijbehorende activiteiten | J71 | - | 0,0% | - | - | - | - | N | - | - | - | - | - | - | - | 0,0% | 0,0% | € | |||
| Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (A.2) | 28.998.998.886 | 15,0% | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||||
| Totaal (A.1 + A.2) | 28.998.998.886 | 15,0% | 0,0% | 0,0% | € |
| Economische activiteiten (1) | Code(s) (2) | Absolute OpEx (3) | Aandeel OpEx (4) | Klimaat- mitigatie (5) | Klimaat- adaptatie (6) | Water en marien hulp- bronnen (7) | Circulaire economie (8) | Verontrei- niging (9) | Biodiversiteit en ecosystemen (10) | Klimaat- mitigatie (11) | Klimaat- adaptatie (12) | Water en mariene hulp- bronnen (13) | Circulaire economie (14) | Verontrei- niging (15) | Biodiversiteit en ecosystemen (16) | Minimum- garanties (17) | Op taxonomie afgestemd aandeel OpEx, jaar 2021 (18) | Op taxonomie afgestemd aandeel OpEx, jaar 2022 (19) | Categorie (faciliterende activiteit) (20) | Categorie (transitie- activiteit) (21) | Valuta |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Fabricage van andere koolstofarme technologieën | C24.4 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Vervaardiging van kunststoffen in primaire vorm | C24.2.3 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Distributie van stadsverwarming en -koeling | D35.30.2 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Hoogrenderende warmte-/koudekracht- koppeling uit fossiele gasvormige brandstoffen | D35.30.1 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Opslag van thermische energie | - | - | 0,0% | - | - | - | - | N | - | - | - | - | - | - | - | 0,0% | 0,0% | € | |||
| Bouw, uitbreiding en exploitatie van systemen voor opvang en behandeling van afvalwater | E37.0 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Materiaalterugwinning uit niet-gevaarlijke afvalstoffen | E38.32 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Exploitatie van persoonlijke vervoersmiddelen, fietslogistiek | N51.1 | - | 0,0% | - | - | - | - | N | - | - | - | - | - | - | - | 0,0% | 0,0% | € | |||
| Vervoer met motorfietsen, personenauto’s en lichte bedrijfsvoertuigen | N51.1 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Installatie, onderhoud en reparatie van energie-efficiënte uitrusting | F26, F27, M10, C28, C33.19 | - | 0,0% | - | - | - | - | N | - | - | - | - | - | - | - | 0,0% | 0,0% | € | |||
| Installatie, onderhoud en reparatie van oplaadstations voor elektrische voertuigen in gebouwen (en parkeerplaatsen verbonden aan gebouwen) | F26, F27, M10, C28 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Installatie, onderhoud en reparatie van instrumenten en apparaten voor het meten, regelen en controleren van de energieprestaties van gebouwen | F26, F27, M10, C28 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Gegevensverwerking, hosting en bijbehorende activiteiten | J71 | - | 0,0% | - | - | - | - | N | - | - | - | - | - | - | - | 0,0% | 0,0% | € | |||
| Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (A.2) | 28.998.998.886 | 15,0% | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||||
| Totaal (A.1 + A.2) | 28.998.998.886 | 15,0% | 0,0% | 0,0% | € |
OpEx niet voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten (B) | 375.876.407.420 | 85,0% | | | | | | | | | | | | | | | | | | € |
Totaal (A + B) | 444.875.406.306 | 100,0% | | | | | | | | | | | | | | | | | | € |
OpEx ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) (A.1)
| Economische activiteiten (1) | Code(s) (2) | Absolute OpEx (3) | Aandeel OpEx (4) | Klimaat- mitigatie (5) | Klimaat- adaptatie (6) | Water en marien hulp- bronnen (7) | Circulaire economie (8) | Verontrei- niging (9) | Biodiversiteit en ecosystemen (10) | Klimaat- mitigatie (11) | Klimaat- adaptatie (12) | Water en mariene hulp- bronnen (13) | Circulaire economie (14) | Verontrei- niging (15) | Biodiversiteit en ecosystemen (16) | Minimum- garanties (17) | Op taxonomie afgestemd aandeel OpEx, jaar 2021 (18) | Op taxonomie afgestemd aandeel OpEx, jaar 2022 (19) | Categorie (faciliterende activiteit) (20) | Categorie (transitie- activiteit) (21) | Valuta |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... | ... |
| Installatie, onderhoud en reparatie van instrumenten en apparaten voor het meten, regelen en controleren van de energieprestaties van gebouwen | F26, F27, M10, C28 | - | 0,0% | - | - | - | - | N | - | - | - | - | - | - | - | 0,0% | 0,0% | € | |||
| Gegevensverwerking, hosting en bijbehorende activiteiten | J71 | - | 0,0% | - | - | - | - | N | - | - | - | - | - | - | - | 0,0% | 0,0% | € | |||
| Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (A.2) | 28.998.998.886 | 15,0% | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||||
| Totaal (A.1 + A.2) | 28.998.998.886 | 15,0% | 0,0% | 0,0% | € |
| Economische activiteiten (1) | Code(s) (2) | Absolute OpEx (3) | Aandeel OpEx (4) | Klimaat- mitigatie (5) | Klimaat- adaptatie (6) | Water en marien hulp- bronnen (7) | Circulaire economie (8) | Verontrei- niging (9) | Biodiversiteit en ecosystemen (10) | Klimaat- mitigatie (11) | Klimaat- adaptatie (12) | Water en mariene hulp- bronnen (13) | Circulaire economie (14) | Verontrei- niging (15) | Biodiversiteit en ecosystemen (16) | Minimum- garanties (17) | Op taxonomie afgestemd aandeel OpEx, jaar 2021 (18) | Op taxonomie afgestemd aandeel OpEx, jaar 2022 (19) | Categorie (faciliterende activiteit) (20) | Categorie (transitie- activiteit) (21) | Valuta |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Fabricage van andere koolstofarme technologieën | C24.4 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Vervaardiging van kunststoffen in primaire vorm | C24.2.3 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Distributie van stadsverwarming en -koeling | D35.30.2 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Hoogrenderende warmte-/koudekracht- koppeling uit fossiele gasvormige brandstoffen | D35.30.1 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Opslag van thermische energie | - | - | 0,0% | - | - | - | - | N | - | - | - | - | - | - | - | 0,0% | 0,0% | € | |||
| Bouw, uitbreiding en exploitatie van systemen voor opvang en behandeling van afvalwater | E37.0 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Materiaalterugwinning uit niet-gevaarlijke afvalstoffen | E38.32 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Exploitatie van persoonlijke vervoersmiddelen, fietslogistiek | N51.1 | - | 0,0% | - | - | - | - | N | - | - | - | - | - | - | - | 0,0% | 0,0% | € | |||
| Vervoer met motorfietsen, personenauto’s en lichte bedrijfsvoertuigen | N51.1 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Installatie, onderhoud en reparatie van energie-efficiënte uitrusting | F26, F27, M10, C28, C33.19 | - | 0,0% | - | - | - | - | N | - | - | - | - | - | - | - | 0,0% | 0,0% | € | |||
| Installatie, onderhoud en reparatie van oplaadstations voor elektrische voertuigen in gebouwen (en parkeerplaatsen verbonden aan gebouwen) | F26, F27, M10, C28 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Installatie, onderhoud en reparatie van instrumenten en apparaten voor het meten, regelen en controleren van de energieprestaties van gebouwen | F26, F27, M10, C28 | 28.998.998.886 | 15,0% | N | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||
| Gegevensverwerking, hosting en bijbehorende activiteiten | J71 | - | 0,0% | - | - | - | - | N | - | - | - | - | - | - | - | 0,0% | 0,0% | € | |||
| Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (A.2) | 28.998.998.886 | 15,0% | 0,0% | 0,0% | € | ||||||||||||||||
| Totaal (A.1 + A.2) | 28.998.998.886 | 15,0% | 0,0% | 0,0% | € |
OpEx niet voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten (B) | 375.876.407.420 | 85,0% | | | | | | | | | | | | | | | | | | € |
Totaal (A + B) | 444.875.406.306 | 100,0% | | | | | | | | | | | | | | | | | | € |
De onderneming verricht, financiert of heeft blootstellingen aan onderzoek, ontwikkeling, demonstratie en uitrol van innovatieve installaties voor elektriciteitsopwekking die energie produceren uit nucleaire processen met een minimum aan afval van de splijtstofcyclus. Nee
De onderneming verricht, financiert of heeft blootstellingen aan de bouw en veilige exploitatie van nieuwe nucleaire installaties voor de productie van elektriciteit of proceswarmte, voor onder meer stadsverwarming of industriële processen zoals de productie van waterstof, alsook verbetering van de veiligheid daarvan, met gebruikmaking van de beste beschikbare technologieën. Nee
De onderneming verricht, financiert of heeft blootstellingen aan de veilige exploitatie van bestaande nucleaire installaties die elektriciteit of proceswarmte produceren, voor onder meer stadsverwarming of industriële processen zoals de productie van waterstof uit kernenergie, alsook verbetering van de veiligheid daarvan. Nee
De onderneming verricht, financiert of heeft blootstellingen aan de bouw of exploitatie van installaties voor elektriciteitsopwekking die elektriciteit produceren uit fossiele gasvormige brandstoffen. Ja
De onderneming verricht, financiert of heeft blootstellingen aan de bouw, renovatie en exploitatie van installaties voor warmte-/koudekrachtkoppeling met behulp van fossiele gasvormige brandstoffen. Ja
De onderneming verricht, financiert of heeft blootstellingen aan de bouw, renovatie en exploitatie van installaties voor warmteopwekking die warmte/koude produceren met behulp van fossiele gasvormige brandstoffen. Ja
| Bedrag en aandeel voor KPI Omzet | Bedrag en aandeel voor KPI CapEx | Bedrag en aandeel voor KPI OpEx |
|---|---|---|
| CCM + CCA | Mitigatie van klimaat- verandering (CCM) | Adaptatie aan klimaat- verandering (CCA) |
| Bedrag | % | Bedrag |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 6.1.3 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 0% |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 6.1.4 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 0% |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 6.1.5 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 0% |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 6.1.6 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 0% |
| Bedrag en aandeel voor KPI Omzet | Bedrag en aandeel voor KPI CapEx | Bedrag en aandeel voor KPI OpEx | CCM + CCA Mitigatie van klimaat- verandering (CCM) | Adaptatie aan klimaat- verandering (CCA) | CCM + CCA Mitigatie van klimaat- verandering (CCM) | Adaptatie aan klimaat- verandering (CCA) | CCM + CCA Mitigatie van klimaat- verandering (CCM) | Adaptatie aan klimaat- verandering (CCA) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Bedrag | % | Bedrag | % | Bedrag | % | Bedrag | % | Bedrag |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de noemer van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de noemer van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de noemer van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de noemer van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de noemer van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de noemer van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van andere op de taxonomie afgestemde economische activiteiten die niet zijn genoemd in de rijen tot en met hierboven in de noemer van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Totaal toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel voor KPI Omzet | Bedrag en aandeel voor KPI CapEx | Bedrag en aandeel voor KPI OpEx | CCM + CCA Mitigatie van klimaat- verandering (CCM) | Adaptatie aan klimaat- verandering (CCA) | CCM + CCA Mitigatie van klimaat- verandering (CCM) | Adaptatie aan klimaat- verandering (CCA) | CCM + CCA Mitigatie van klimaat- verandering (CCM) | Adaptatie aan klimaat- verandering (CCA) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Bedrag | % | Bedrag | % | Bedrag | % | Bedrag | % | Bedrag |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de teller van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de teller van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de teller van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de teller van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de teller van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de teller van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van andere op de taxonomie afgestemde economische activiteiten die niet zijn genoemd in de rijen tot en met hierboven in de teller van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Totaal bedrag en aandeel van op de taxonomie afgestemde economische activiteiten in de teller van de toepasselijke kernprestatieindicatoren | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel voor KPI Omzet | Bedrag en aandeel voor KPI CapEx | Bedrag en aandeel voor KPI OpEx | CCM + CCA Mitigatie van klimaat- verandering (CCM) | Adaptatie aan klimaat- verandering (CCA) | CCM + CCA Mitigatie van klimaat- verandering (CCM) | Adaptatie aan klimaat- verandering (CCA) | CCM + CCA Mitigatie van klimaat- verandering (CCM) | Adaptatie aan klimaat- verandering (CCA) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Bedrag | % | Bedrag | % | Bedrag | % | Bedrag | % | Bedrag |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de teller van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de teller van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de teller van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de teller van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de teller van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de teller van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van andere op de taxonomie afgestemde economische activiteiten die niet zijn genoemd in de rijen tot en met hierboven in de teller van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Totaal bedrag en aandeel van op de taxonomie afgestemde economische activiteiten in de teller van de toepasselijke kernprestatieindicatoren | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel voor KPI Omzet | Bedrag en aandeel voor KPI CapEx | Bedrag en aandeel voor KPI OpEx | CCM + CCA Mitigatie van klimaat- verandering (CCM) | Adaptatie aan klimaat- verandering (CCA) | CCM + CCA Mitigatie van klimaat- verandering (CCM) | Adaptatie aan klimaat- verandering (CCA) | CCM + CCA Mitigatie van klimaat- verandering (CCM) | Adaptatie aan klimaat- verandering (CCA) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Bedrag | % | Bedrag | % | Bedrag | % | Bedrag | % | Bedrag |
| Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de noemer van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de noemer van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling . van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) / in de noemer van de toepasselijke KPI | - | % | - | % | - | % | - | % |
| | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.1.1 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.1.2 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.1.3 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.1.4 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.1.5 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.1.6 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.1 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.2 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.3 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI |
| | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% |
| | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.1.1 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.1.2 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.1.3 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.1.4 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.1.5 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.1.6 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.1 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.2 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.3 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI |
| | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% | 1.820.379 0.0% | 1.820.379 0.0% | - 2% |
| | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.1 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.2 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.3 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.4 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.5 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.6 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.7 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.8 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.9 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI |
| | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% |
| | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.1 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.2 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.3 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.4 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.5 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.6 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.7 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.8 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van de voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteit als bedoeld in afdeling 5.2.9 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI |
| | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% | - 2% | 1.820.379 0.0% | 1.820.379 0.0% | - 2% |
| | Bedrag en aandeel van andere voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten die niet zijn genoemd in de rijen 3 tot en met 8 hierboven in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van andere voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten die niet zijn genoemd in de rijen 3 tot en met 8 hierboven in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van andere voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten die niet zijn genoemd in de rijen 3 tot en met 8 hierboven in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van andere voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten die niet zijn genoemd in de rijen 3 tot en met 8 hierboven in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van andere voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten die niet zijn genoemd in de rijen 3 tot en met 8 hierboven in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van andere voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten die niet zijn genoemd in de rijen 3 tot en met 8 hierboven in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van andere voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten die niet zijn genoemd in de rijen 3 tot en met 8 hierboven in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van andere voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten die niet zijn genoemd in de rijen 3 tot en met 8 hierboven in de noemer van de toepasselijke KPI | Bedrag en aandeel van andere voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten die niet zijn genoemd in de rijen 3 tot en met 8 hierboven in de noemer van de toepasselijke KPI |
| | 283.755.177 2% | 283.755.177 2% | - 2% | 3.777.164 0% | 3.777.164 0% | - 2% | 26.024.197 1.2% | 26.024.197 1.2% | - 2% |
| | Totaal bedrag en aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten in de noemer van de toepasselijke KPI | Totaal bedrag en aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten in de noemer van de toepasselijke KPI | Totaal bedrag en aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten in de noemer van de toepasselijke KPI | Totaal bedrag en aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten in de noemer van de toepasselijke KPI | Totaal bedrag en aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten in de noemer van de toepasselijke KPI | Totaal bedrag en aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten in de noemer van de toepasselijke KPI | Totaal bedrag en aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten in de noemer van de toepasselijke KPI | Totaal bedrag en aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten in de noemer van de toepasselijke KPI | Totaal bedrag en aandeel van voor de taxonomie in aanmerking komende, maar niet op de taxonomie afgestemde economische activiteiten in de noemer van de toepasselijke KPI |
| | 283.755.177 2% | 283.755.177 2% | - 2% | 3.777.164 0% | 3.777.164 0% | - 2% | 26.024.197 1.2% | 26.024.197 1.2% | - 2% |
| KPI Omzet | KPI CapEx | KPI OpEx | |
| Bedrag | % | Bedrag | |
| Bedrag | % | Bedrag | |
| Bedrag en aandeel van de in rij 3 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.1.1 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 2% | - |
| Bedrag en aandeel van de in rij 4 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.1.2 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 2% | - |
| Bedrag en aandeel van de in rij 5 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.1.3 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 2% | - |
| Bedrag en aandeel van de in rij 6 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.1.4 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 2% | - |
| Bedrag en aandeel van de in rij 7 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.1.5 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 2% | - |
| Bedrag en aandeel van de in rij 8 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.1.6 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 2% | - |
| Bedrag en aandeel van de in rij 9 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.2.1 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 2% | - |
| Bedrag en aandeel van de in rij 10 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.2.2 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | 1.820.379 | 0.0% | 1.820.379 |
| Bedrag en aandeel van de in rij 11 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.2.3 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 2% | - |
| Bedrag en aandeel van andere niet voor de taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten die niet zijn genoemd in de rijen 3 tot en met 11 hierboven in de noemer van de toepasselijke KPI | 3.027.257.912 | 100% | 3.752.448.409 |
| Totaal bedrag en aandeel van niet voor de taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten in de noemer van de toepasselijke KPI | 3.027.257.912 | 100% | 3.752.448.409 |
| KPI Omzet | KPI CapEx | KPI OpEx | |
| Bedrag | % | Bedrag | |
| Bedrag | % | Bedrag | |
| Bedrag en aandeel van de in rij 3 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.1.1 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 2% | - |
| Bedrag en aandeel van de in rij 4 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.1.2 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 2% | - |
| Bedrag en aandeel van de in rij 5 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.1.3 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 2% | - |
| Bedrag en aandeel van de in rij 6 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.1.4 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 2% | - |
| Bedrag en aandeel van de in rij 7 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.1.5 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 2% | - |
| Bedrag en aandeel van de in rij 8 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.1.6 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 2% | - |
| Bedrag en aandeel van de in rij 9 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.2.1 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 2% | - |
| Bedrag en aandeel van de in rij 10 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.2.2 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | 1.820.379 | 0.0% | 1.820.379 |
| Bedrag en aandeel van de in rij 11 van template 1 genoemde activiteit die niet voor de taxonomie in aanmerking komt overeenkomstig afdeling 5.2.3 van de bijlagen I en II bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2139 in de noemer van de toepasselijke KPI | - | 2% | - |
| Bedrag en aandeel van andere niet voor de taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten die niet zijn genoemd in de rijen 3 tot en met 11 hierboven in de noemer van de toepasselijke KPI | 3.027.257.912 | 100% | 3.752.448.409 |
| Totaal bedrag en aandeel van niet voor de taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten in de noemer van de toepasselijke KPI | 3.027.257.912 | 100% | 3.752.448.409 |
Agfa’s MUSICA®-software wordt algemeen erkend als een norm in deze markt.
Capacitieve sensor Een capacitieve sensor detecteert alles wat geleidbaar is of wat een andere diëlektriciteit heeft dan lucht. Capacitieve sensoren vervangen mechanische drukknoppen.
Chemievrije drukplaat Een drukplaat die na de belichting geen extra chemische behandelingen nodig heeft.
CO 2 Koolstofdioxide. Komt vrij bij de verbranding van organische brandstof.
Computed radiography (CR) Technologie waarbij röntgenbeelden gemaakt worden met conventionele röntgenapparatuur, maar waarbij de beelden vastgelegd worden op herbruikbare platen in plaats van op röntgenlm. De in- formatie op de platen wordt gelezen door een digitizer, wat een digitaal beeld oplevert. Aangepaste beeldverwerkingssoftware (zoals Agfa HealthCare’s MUSICA®) kan gebruikt worden om de kwaliteit van de beelden automatisch te optimaliseren voor het stellen van diagnoses. De digitale beelden kun- nen ook aangevuld worden met manuele input (aantekeningen, afmetingen,…). Ze worden beheerd en gearchiveerd op een Picture Archiving and Communication System. zie ook direct radiography
Computer-to-plate (CtP) Een proces waarbij de pagina’s of de illustraties van drukwerk – bijvoorbeeld de pagina’s van kranten of magazines – rechtstreeks vanaf computerles digitaal belicht worden op drukplaten, zonder dat daarbij lm nodig is.
CT (computertomograe of computed tomography) Een CT-scanner gebruikt een reeks röntgenstralen om ‘beeldschijven’ van het lichaam te maken. Agfa’s product- portfolio bevat geen CT-scanners, maar zijn Picture Archiving and Communication Systems worden gebruikt voor het beheer en de 3D-visualisatie van de digitale beelden. Met Agfa’s hardcopy-printers kunnen hoogkwalitatieve afdrukken van de beelden gemaakt worden.
CtP zie computer-to-plate
CZV Chemisch zuurstofverbruik: de hoeveelheid zuurstof die nodig is voor de chemische oxidatie van in water aanwezige stoen.
Digitale radiograe Een vorm van röntgenonderzoek waarbij digitale technologie gebruikt wordt in plaats van traditio- nele fotograsche röntgenlm. De meest gebruikelijke technologieën voor digitale radiograe zijn computed radiography en direct radiography.
Direct radiography (DR) Radiograsche technologie die röntgenenergie omzet in digitale gegevens zonder als tussenstap gebruik te maken van lm of platen voor het vastleggen van beelden. Deze digitale data genereren een diagnostisch beeld op een PC. Het feit dat het om digitale gegevens gaat, opent een hele reeks mogelijkheden op het gebied van beeldoptimalisering en -aanvulling en van archivering op Picture Archiving and Communication Systems. DR-systemen worden meestal gebruikt in gecentraliseerde radiologieomgevingen. zie ook computed radiography
Drukplaat (voor computer-to-plate-technologie) Drukplaten die bestaan uit een hoogkwalitatief geruwd en geanodiseerd aluminiumsubstraat en een deklaag (uit zilver of fotopolymeer) die duizend keer gevoeliger is dan die van CtF-platen. De lasers die gebruikt worden voor het belichten van deze platen werken met thermische energie of zichtbaar licht. De deklaag reageert op de laserenergie waardoor chemische/fysische veranderingen aan het oppervlak van de plaat ontstaan. Net als de CtF-platen worden de CtP-platen daarna ontwikkeld om een plaat te creëren waarmee gedrukt kan worden. Bij enkele technologieën is er geen ontwikkeling van de plaat meer nodig.
Drukvoorbereiding (of prepress) De voorbereiding en verwerking van beelden, tekst en documentgegevens voordat ze op drukplaten overgebracht worden, inclusief het scannen met hoge resolutie van beelden, de separatie van kleuren, de verschillende types van drukproeven, enz.
Electronic Health Record (EHR) Wanneer het Electronic Patient Record van een persoon gekoppeld wordt aan zijn/haar niet- medische elektronische dossiers van organisaties als overheden en verzekeringsmaatschappijen, ont- staat een EHR.
Enterprise Imaging Agfa HealthCare’s Enterprise Imaging-platform verenigt afdelingsgebonden PACS, RIS, geavanceer- de 3D-functionaliteiten, spraakherkenning, archivering, viewer- en mobiele functionaliteiten. De oplossing verbetert en versnelt het nemen en terugvinden van beelden, optimaliseert de eciëntie en de performantie, verbetert de patiëntenzorg en maakt samenwerking mogelijk over afdelingen, ziekenhuizen en regio’s heen.
exodruk Druktechniek waarbij exibele, rubberen of kunststof drukplaten bevestigd worden op drukrollen. De inkt wordt op de drukplaten aangebracht, die dan als een stempel tegen het papier of ander sub- straat gedrukt worden.
Gedrukte schakeling (printed circuit board of PCB) Een dunne plaat (ook bord genoemd) waarop chips en andere elektronische componenten bevestigd worden. Computers bevatten een of meer borden. Gedrukte schakelingen worden ook printplaten of printed circuit boards genoemd.
Geleidende inkt Geleidende inkten worden typisch gebruikt voor gedrukte elektronica-toepassingen zoals: gedrukte busbars en geleiders in membraan-toetsenborden en -schakelaars, RFID-antennes, aanraakscherm- panelen,... Agfa’s Orgacon nano-zilverinkten hebben een zeer hoog geleidingsvermogen met een lage zilverdepositie en ondersteunen patronen met een hoge resolutie. De voordelen van Orgacon zijn: patronen van micro-rasterelektroden door middel van zeefdruk, hooggeleidende sporen bij lage dikte en breedte, vervormbaarheid en exibiliteit.
Grootformaatprinter Ook breedformaatprinter genoemd. Digitale printer die op vellen of rollen van 24 inch/60 cm of breder drukt.
Hardcopy Een hardcopy is de uitgeprinte versie van een digitaal beeld. De hardcopy-printers van Agfa Health- Care kunnen medische beelden printen die aomstig zijn van verschillende bronnen: CT-scanners, MRI-scanners, systemen voor computed radiography (CR) en direct radiography (DR),...
Inkjet (systeem) Elke printer die extreem kleine inktdruppels op het papier aanbrengt om een beeld te creëren. Het kan gaan van kleine apparaten voor gebruik in kantoren, over middelgrote printers voor bijvoorbeeld het printen van posters tot grote systemen voor industriële toepassingen.
Membraan Een dunne, exibele laag van een materiaal dat ontworpen is om componenten van een oplossing van elkaar te scheiden.
Membraanschakelaar Een membraanschakelaar is een elektrische schakelaar om een circuit aan of uit te schakelen. Mem- braanschakelaars zijn interfaces tussen gebruiker en apparaat. Het kunnen zowel heel eenvoudige schakelaars zijn, zoals verlichtingsschakelaars, als heel complexe, zoals membraankeyboards en scha- kelpanelen voor computers.
Modaliteiten Hiermee worden in dit verslag de verschillende beeldvormingssystemen bedoeld, waaronder radio- graeapparatuur, MRI-scanners en CT-scanners. Deze systemen kunnen worden aangesloten op een Picture Archiving and Communication System (PACS) van Agfa HealthCare.
MRI (Magnetic Resonance Imaging) De MRI-scanner creëert een magnetisch veld rond de patiënt. Het systeem produceert beelden door radiogolven te pulseren, gericht op de te onderzoeken lichaamsdelen. Agfa HealthCare’s productport- folio bevat geen MRI-scanners, maar haar Picture Archiving and Communication Systems (PACS) worden gebruikt om de digitale beelden te beheren en te visualiseren. Met Agfa’s hardcopy-printers kunnen hoogkwalitatieve afdrukken van de beelden gemaakt worden.
N Stikstof.
Niet-destructief materiaalonderzoek Bij deze onderzoeksmethode worden de structuur en de tolerantie van materialen gecheckt zonder ze te beschadigen of te vervormen.
NO X Stikstofoxide. Komt bijvoorbeeld tot stand door verbranding met lucht.
Offsetdruk Druktechniek waarbij dunne aluminium drukplaten om een cilinder gebogen worden. Al roterend nemen de drukplaten op de juiste plaatsen respectievelijk inkt of water aan. De inkt wordt overge- bracht op een rubberen doek dat op een tweede cilinder is bevestigd. Vervolgens wordt de inkt van het rubber op het te bedrukken oppervlak overgebracht.
OHSAS 18001 Internationale norm voor gezondheids- en veiligheidsbeheersystemen. OHSAS staat voor Occupati- onal Health and Safety Assessment System.
P Fosfor.
PACS zie Picture Archiving and Communication System
PET (polyethyleentereftalaat of polyester) Polyethyleentereftalaat of polyester wordt geproduceerd op basis van ethyleenglycol en tereftaalzuur. Het is de basisgrondstof voor het substraat van fotograsche lm. Het wordt gecoat met verschillende types van chemische lagen voor, bijvoorbeeld, medische of grasche doeleinden.
Picture Archiving and Communication System (PACS) PACS-systemen waren oorspronkelijk bedoeld om de diagnostische beelden van radiologieafdelingen eciënt te archiveren en ter beschikking te stellen van de gebruikers. Dankzij specieke softwareont- wikkelingen zijn Agfa HealthCare’s systemen ook geschikt gemaakt voor gebruik in andere zieken- huisafdelingen, zoals cardiologie, orthopedie en vrouwengeneeskunde. Uitgebreide PACS-systemen kunnen alle ziekenhuisafdelingen die intensief met beelden werken in een netwerk verbinden. Met Agfa’s MUSICA®-software kunnen beelden op het PACS- systeem bewerkt en geoptimaliseerd worden.
Plaatbelichter Een plaatbelichter ‘kopieert’ op een digitale manier gegevens van de computer op drukplaten, die dan ontwikkeld en op de drukpers geplaatst worden.
Polymeer Een polymeer is een grote molecule die is opgebouwd uit aan elkaar gekoppelde kleinere eenheden (monomeren). Er bestaan zowel natuurlijke (bv. eiwitten en rubber) als synthetische (bv. plastic, nylon) polymeren. Geleidende polymeren geleiden elektriciteit. Orgacon is de merknaam voor Agfa’s productlijn op basis van geleidende polymeren.
RFID-antenne RFID staat voor Radio Frequency Identication, of identicatie met radiogolven. Het staat voor de techniek van automatische identicatie waarbij gebruik gemaakt wordt van radiosignalen om in- formatie uit te sturen vanuit zogenaamde tags die vastgehecht zijn aan voorwerpen of ingebouwd zijn in ID-kaarten.Er is geen fysiek contact nodig tussen de tag en het identificatieapparaat omdat de gegevens overgedragen worden via een antenne die eveneens in – bijvoorbeeld – de ID-kaart ingebed zit.
UV LED-inkt (of UV LED curable ink) bestaat vooral uit acrylmonomeren. Na het drukken wordt de inkt door een hoge dosis UV LED-licht getransformeerd tot een harde gepolymeriseerde film. UV LED staat voor UltraViolet Light Emitting Diode (ultraviolette lichtgevende diode). UV LED-inkt droogt onmiddellijk, kan gedrukt worden op een grote verscheidenheid aan dragers en zorgt voor een heel duurzaam beeld. Hij bevat geen schadelijke bestanddelen zoals VOS (Vluchtige Organische Stoffen) of solventen en hij verdampt niet.
Vluchtige anorganische stoffen.
Vluchtige organische stoffen.
Software die operatoren in staat stelt het drukvoorbereidingsproces te controleren via een interface. Hij stroomlijnt de opdrachten door de individuele stappen in het drukvoorbereidingsproces te automatiseren, wat tijd bespaart en kosten reduceert.
Gedurende 2018 - 2022 heeft de Groep het boekhoudkundig beleid dat ook in voorgaande jaren gold consequent toegepast, met uitzondering van de weergave van de winst- en verliesrekening en het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten. De weergave is gewijzigd ten gevolge van de toepassing van de nieuwe IFRS-standaard IFRS 9 ‘Financiële Instrumenten’. Volgens deze nieuwe standaard worden de waardeverminderingsverliezen op handels- en andere vorderingen nu als een aparte rubriek weergegeven in de winst- en verliesrekening.
De Groep heeft IFRS 16 voor de eerste keer toegepast op 1 januari 2019, volgens de ‘modified retrospective approach’. Onder deze toepassing wordt vergelijkbare informatie over voorgaande perioden niet herwerkt. Bij de eerste toepassing van IFRS 16 was er geen effect op ingehouden winsten.
Conform IFRS 5.33 licht de Onderneming in haar Geconsolideerde winst- en verliesrekening en Geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, in één bedrag, het resultaat uit beëindigde bedrijfsactiviteiten toe. Dit bedrag omvat de winst uit operationele beëindigde activiteiten na belastingen en de winst uit de verkoop van de totale geïdentificeerde afgestoten nettoactiva. De Groep stootte in juli 2019 haar doorverkoopactiviteiten met betrekking tot ‘Digital Print & Chemicals’ in de Verenigde Staten af en in mei 2020 verkocht ze een deel van Agfa HealthCare’s IT-activiteiten. Bijgevolg werden deze toelichtingen over voorgaande perioden, zijnde 2019, anders dan voorheen gerapporteerd.
Onderstaande voetnoot verwijst naar de tabel Geconsolideerde balans op p. 329. Gedurende 2018 heeft de Groep het boekhoudkundig beleid dat ook in voorgaande jaren gold consequent toegepast, met uitzondering van de weergave van de geconsolideerde balans die ten gevolge van de toepassing van de nieuwe IFRS-standaard, IFRS 15 ‘Opbrengsten uit contracten met klanten’, gewijzigd is. De Groep heeft de nieuwe standaard IFRS 15 toegepast volgens de cumulatieve methode, waarbij het effect van eerste toepassing wordt getoond op 1 januari 2018. Dit betekent dat de Groep de nieuwe vereisten van de standaard niet toepast op vergelijkbare jaarperioden voorgesteld.
De nieuwe standaard introduceert het concept van contractuele activa en verplichtingen verbonden aan contracten met klanten. Op 31 december 2017 zaten deze activa en verplichtingen vervat in andere rubrieken van de balans. Op 1 januari 2018 werden de ‘Op te maken facturen’ (84 miljoen euro) die voorheen begrepen waren in de rubriek ‘Handelsvorderingen’ geherklasseerd naar ‘Contractuele activa verbonden aan contracten met klanten’. Herklasseringen vanuit de rubriek ‘Voorraad’ naar Contractuele activa verbonden aan contracten met klanten’ bedragen 11 miljoen euro en hebben voornamelijk betrekking op werken in uitvoering. Herklasseringen vanuit Overige Activa naar Contractuale activa verbonden aan contracten met klanten bedragen 10 miljoen euro en betreffen contracten die de Groep afsloot met derde leveranciers voor de levering van ondersteunende diensten die de Groep in staat stellen om onderhoudscontracten te voldoen aan haar klanten. Langs de passiefzijde bevatten ‘Contractuele verplichtingen verbonden aan klanten’ op 1 januari 2018 ‘Uitgestelde opbrengsten en vooruitbetalingen’ ten belope van 128 miljoen, voorheen apart gepresenteerd in een aparte rubriek van de geconsolideerde balans alsook te betalen bonussen en kortingen aan klanten voor goederen en diensten verkocht gedurende de periode ten belope van 17 miljoen euro. Deze bonussen en kortingen aan klanten werden voorheen gepresenteerd onder opbrengstgerelateerde voorzieningen.
| MILJOEN EURO | 2018 | 2017 | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|---|---|
| Opbrengsten | 1.270 | 0.788 | 0.674 | 0.654 | 0.486 |
| Kostprijs van verkopen | (0.604) | (0.598) | (0.314) | (0.379) | (0.517) |
| Brutowinst | 666 | 190 | 360 | 275 | -31 |
| Verkoopkosten | (278) | (159) | (110) | (169) | (158) |
| Algemene beheerskosten | (477) | (489) | (466) | (488) | (418) |
| Kosten van onderzoek en ontwikkeling | (359) | (396) | (81) | (81) | (319) |
| Waardeverminderingsverliezen op handels- en andere vorderingen, incl. contractuele activa verbonden aan contracten met klanten | (10) | (10) | (1) | (1) | (3) |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 90 | 61 | 75 | 61 | 15 |
| Overige bedrijfskosten | (75) | (139) | (133) | (59) | (118) |
| Resultaat uit bedrijfsactiviteiten | -25 | -419 | -158 | 7 | -412 |
| Financieringsbaten (-kosten) - netto | (15) | (15) | (7) | (11) | - |
| Overige financieringsbaten (-kosten) - netto | (21) | (14) | (15) | (5) | (14) |
| Netto financieringslasten | (36) | (29) | (22) | (16) | (14) |
| Aandeel van de Groep in het nettoresultaat van geassocieerde deelnemingen - na winstbelastingen | (1) | - | - | - | (1) |
| Winst (verlies) voor belastingen | 11 | (69) | (32) | -20 | (425) |
| Winstbelastingen | (56) | (16) | (18) | (18) | (59) |
| Winst (verlies) uit de voortgezette bedrijfsactiviteiten | (27) | (15) | (157) | (17) | (182) |
| Winst (verlies) van beëindigde activiteiten, na winstbelastingen | (1) | 315 | 627 | - | - |
| Winst (verlies) over de verslagperiode | (28) | (14) | 137 | (17) | (182) |
| Winst (verlies) toewijsbaar aan: | |||||
| Aandeelhouders van de Onderneming | (26) | (19) | 726 | (17) | (182) |
| Minderheidsbelangen | 2 | 5 | 711 | - | - |
| Winst per aandeel (euro) | |||||
| Gewone winst per aandeel (euro) | (0.16) | (0.07) | 2.77 | (0.11) | (1.51) |
| Verwaterde winst per aandeel (euro) | (0.16) | (0.07) | 2.77 | (0.11) | (1.51) |
| MILJOEN EURO | 30 dec. 2018 | 30 dec. 2017 | 30 dec. 2016 | 30 dec. 2015 | 31 dec. 2014 |
|---|---|---|---|---|---|
| ACTIVA | |||||
| Vaste activa | 1.287 | 1.375 | 1.574 | 1.498 | 2.254 |
| Immateriële activa en goodwill | 738 | 877 | 156 | 139 | 115 |
| Materiële vaste activa | 356 | 343 | 375 | 378 | 319 |
| Recht-op-gebruik activa | - | 119 | 72 | 71 | 105 |
| Investeringen in geassocieerde deelnemingen | 5 | 5 | - | 1 | 1 |
| Overige financiële activa | 7 | 11 | 10 | 10 | 15 |
| Activa in verband met vergoedingen na uitdiensttreding | - | - | - | 24 | 12 |
| Handelsvorderingen | 17 | 12 | 18 | 17 | 7 |
| Vorderingen uit leaseovereenkomsten | 73 | 73 | 72 | 19 | 18 |
| Overige activa | 16 | 16 | 18 | 11 | 1 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 119 | 138 | 139 | 138 | 121 |
| Vlottende activa | 2.154 | 2.139 | 2.746 | 2.117 | 2.181 |
| Voorraden | 521 | 597 | 618 | 531 | 517 |
| Handelsvorderingen | 534 | 541 | 175 | 279 | 131 |
| Contractuele activa verbonden aan contracten met klanten | 148 | 149 | 16 | 17 | 15 |
| Actuele vorderingen uit winstbelastingen | 71 | 72 | 74 | 74 | 79 |
| Overige belastingvorderingen | 18 | 18 | 18 | 17 | 18 |
| Financiële activa | - | - | 1 | 1 | 1 |
| Vorderingen uit leaseovereenkomsten | 26 | 26 | 13 | 26 | 29 |
| Overige vorderingen | 16 | 18 | 1 | 1 | 1 |
| Overige kortlopende activa | 25 | 11 | 18 | 18 | 17 |
| Derivaten | 1 | 1 | 1 | 1 | 1 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 163 | 149 | 105 | 187 | 163 |
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | 19 | 19 | 1 | 1 | 1 |
| TOTAAL ACTIVA | 3.442 | 3.514 | 4.320 | 3.515 | 4.435 |
| EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | |||||
| Eigen vermogen | 1710 | 1729 | 1574 | 1518 | 1055 |
| Toewijsbaar aan aandeelhouders van de Onderneming | 183 | 114 | 856 | 1419 | 1030 |
| Maatschappelijk kapitaal | 112 | 112 | 112 | 112 | 112 |
| Uitgiftepremies | 112 | 112 | 112 | 112 | 112 |
| Ingehouden winsten | 165 | 170 | 474 | 1706 | 806 |
| Overige reserves | (80) | (16) | (73) | (1) | (20) |
| Valutakoersverschillen | (7) | (10) | (25) | (18) | (18) |
| Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding: herwaardering van de nettoverplichting uit hoofde van toegezegdpensioenregelingen | (117) | (1.371) | (1.143) | (1.097) | (176) |
| Toewijsbaar aan minderheidsbelangen | 15 | 57 | 718 | 100 | 25 |
| Langlopende verplichtingen | 1.119 | 1.743 | 1.695 | 1.018 | 1.502 |
| Verplichtingen wegens vergoedingen na uitdiensttreding en ontslagvergoedingen | 1.077 | 1.197 | 858 | 728 | 730 |
| Overige personeelsbeloningen | 15 | 15 | 15 | 15 | 15 |
| Rentedragende verplichtingen | 16 | 165 | 56 | 16 | 16 |
| Voorzieningen | 7 | 10 | 17 | 17 | 17 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 13 | 35 | 6 | 7 | 5 |
| Handelsschulden | - | - | - | - | - |
| Contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten | 2 | 1 | 1 | 1 | 1 |
| Overige langlopende verplichtingen | 1 | 15 | 1 | 1 | 1 |
| Kortlopende verplichtingen | 610 | 542 | 851 | 877 | 1378 |
| Rentedragende verplichtingen | 17 | 119 | 17 | 15 | 15 |
| Voorzieningen | 18 | 25 | 27 | 26 | 27 |
| Handelsschulden | 115 | 110 | 117 | 118 | 118 |
| Contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met klanten | 127 | 141 | 129 | 111 | 127 |
| Actuele verplichtingen uit winstbelastingen | 15 | 15 | 16 | 16 | 15 |
| Overige belastingverplichtingen | 15 | 19 | 15 | 15 | 15 |
| Overige te betalen posten | 17 | 8 | 1 | 1 | 1 |
| Personeelsbeloningen | 256 | 256 | 177 | 77 | 107 |
| Overige kortlopende verplichtingen | 5 | 3 | 3 | - | - |
| Derivaten | 17 | 10 | 1 | 1 | 1 |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 3.442 | 3.514 | 4.320 | 3.515 | 4.435 |
| MILJOEN EURO | 2018 | 2017 | 2016 | 2015 | 2014 |
|---|---|---|---|---|---|
| Winst (verlies) over de periode | (28) | (14) | 137 | (17) | (182) |
| Winstbelastingen | 56 | 16 | 1 | 18 | 59 |
| Aandeel van de Groep in het nettoresultaat van geassocieerde deelnemingen - na winstbelastingen | 1 | 1 | - | - | 1 |
| Netto financieringslasten | 36 | 29 | 22 | 16 | 17 |
| Bedrijfsresultaat | 55 | 32 | 160 | 17 | (105) |
| Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen | 74 | 116 | 74 | 54 | 155 |
| Overige niet-kaskosten | 177 | 187 | (154) | 117 | 174 |
| Wijziging in de voorraden | (15) | 14 | 15 | (16) | (27) |
| Wijziging in de handelsvorderingen | (1) | 6 | 24 | 7 | 15 |
| Wijziging in de contractuele activa verbonden aan contracten met klanten | 1 | 1 | (17) | (1) | (15) |
| Wijziging in de werkkapitaalactiva | (7) | 15 | 15 | (10) | (10) |
| Wijziging in de handelsschulden | (6) | 17 | 1 | 20 | (7) |
| Wijziging in de contractuele verplichtingen verbonden aan contracten met# Aandeelhouders- informatie |
Op grond van de informatie waarover de Vennootschap beschikt ingevolge transparantieverklaringen die overeenkomstig de wettelijke en statutaire bepalingen ter zake werden ontvangen, zijn de belangrijkste aandeelhouders momenteel:
| Gebeurtenis | Datum |
|---|---|
| Jaarlijkse Algemene Vergadering | 25 mei 2023 |
| Resultaten eerste kwartaal 2023 | 25 mei 2023 |
| Resultaten tweede kwartaal 2023 | 26 augustus 2023 |
| Resultaten derde kwartaal 2023 | 15 november 2023 |
| Metric | 2021 | 2022 | 2020 | 2019 | 2018 |
|---|---|---|---|---|---|
| Winst per aandeel (EUR) | (0,76) | (0,91) | 2,77 | (0,71) | (1,51) |
| Nettobedrijfskasstroom per aandeel (EUR) | (0,47) | 0,77 | (0,73) | (0,98) | (0,88) |
| Brutodividend (EUR) | - | - | - | - | - |
| Beurskoers aan het einde van het jaar (EUR) | 2,55 | 1,73 | 2,50 | 2,95 | 1,47 |
| Hoogste beurskoers van het jaar (EUR) | 5,66 | 5,77 | 5,70 | 5,88 | 5,30 |
| Laagste beurskoers van het jaar (EUR) | 1,39 | 2,11 | 1,37 | 2,65 | 1,48 |
| Gemiddelde volume verhandelde aandelen per dag | 528.479 | 119.297 | 151.338 | 146.749 | 352.079 |
| Gewogen gemiddelde aantal uitstaande aandelen | 379.561.176 | 379.561.176 | 379.561.176 | 379.561.176 | 379.561.176 |
Afdeling Investor Relations
Septestraat 27, B-2640 Mortsel, België
Tel. +32-(0)3-444 7124
Fax +32-(0)3-444 4485
[email protected]
www.agfa.com/investorrelations
AANDELENBEURS VAN BRUSSEL
Reuters Ticker: AGFAt.BR
Bloomberg Ticker: AGFB: BB/AGE GR
Datastream: B:AGF
Uitgegeven door Agfa-Gevaert NV
Corporate Communication
Septestraat 27
B-2640 Mortsel (België)
T +32 3 444 71 24
www.agfa.com
Agfa, de Agfa-rombus en andere vermelde Agfa-producten en -diensten zijn geregistreerde handelsmerken van de Agfa Groep. Ze kunnen in bepaalde jurisdicties geregistreerd zijn in naam van Agfa, België, of een van zijn lialen. Alle andere handelsmerken, productnamen en bedrijfsnamen of -logo’s die in dit verslag vermeld worden, zijn eigendom van hun respectieve eigenaars.
Layout: Mathildestudios (België)
| 2021-01-01 tot 2021-12-31 | 2022-01-01 tot 2022-12-31 | |
|---|---|---|
| Onderdeel van de balans van Eigen Vermogen | ||
| Aandelenkapitaal | 549.300 | 549.300 |
| Agio | 549.300 | 549.300 |
| Ingehouden winsten | 549.300 | 549.300 |
| Aandelen van de vennootschap | 549.300 | 549.300 |
| Herwaarderingsreserve | 549.300 | 549.300 |
| Reserve voor rentedekkingsderivaten | 549.300 | 549.300 |
| Reserve voor herwaarderingen van pensioenregelingen | 549.300 | 549.300 |
| Reserve voor wisselkoersverschillen op omrekening | 549.300 | 549.300 |
| Totale Eigen Vermogen van de Moedermaatschappij | 549.300 | 549.300 |
| Niet-controlerend Belang | 549.300 | 549.300 |
| Totale Eigen Vermogen | 549.300 | 549.300 |
| 2020-12-31 | 2021-01-01 tot 2021-12-31 | 2021-12-31 | 2022-01-01 tot 2022-12-31 | 2022-12-31 | |
|---|---|---|---|---|---|
| Onderdeel van de balans van Eigen Vermogen | |||||
| Aandelenkapitaal | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 |
| Agio | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 |
| Ingehouden winsten | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 |
| Aandelen van de vennootschap | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 |
| Herwaarderingsreserve | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 |
| Reserve voor rentedekkingsderivaten | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 |
| Reserve voor herwaarderingen van pensioenregelingen | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 |
| Reserve voor wisselkoersverschillen op omrekening | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 |
| Totale Eigen Vermogen van de Moedermaatschappij | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 |
| Niet-controlerend Belang | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 |
| Totale Eigen Vermogen | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 | 549.300 |
| 2021 (miljoen EUR) | 2022 (miljoen EUR) | |
|---|---|---|
| Operationele activiteiten | ||
| Netto-inkomsten | (217) | (241) |
| Aanpassingen voor niet-kascomponenten: | ||
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 118 | 109 |
| Voorzieningen | 26 | 32 |
| Actuarieel verlies/winst op pensioenen | 31 | (14) |
| Winst/verlies op verkoop van activa | (5) | (1) |
| Wijzigingen in werkkapitaal: | ||
| Klanten | (39) | 29 |
| Wijziging in de werkkapitaalverplichtingen | 47 | (68) |
| Wijziging in het werkkapitaal | (14) | (11) |
| Uitgaande kasstroom voor personeelsbeloningen | (325) | (317) |
| Uitgaande kasstroom voor voorzieningen | (18) | (15) |
| Veranderingen in de leaseportfolio | (7) | (2) |
| Veranderingen in ander werkkapitaal | 29 | 18 |
| Ontvangen kasstromen uit derivaten ter indekking van operationele activiteiten | 40 | (4) |
| Kasstromen uit / (gebruikt in) bedrijfsactiviteiten | (96) | (163) |
| Betaalde belastingen | (24) | (16) |
| Nettokasstromen uit / (gebruikt in) bedrijfsactiviteiten | (120) | (179) |
| Investeringsactiviteiten | ||
| Investeringsuitgaven | (22) | (25) |
| Ontvangsten uit de verkoop van immateriële activa en materiële vaste activa | 7 | 3 |
| Investeringen in geassocieerde deelnemingen en overnames na aftrek verworven geldmiddelen | (18) | (4) |
| Ontvangsten uit de verkoop van beëindigde activiteiten, na winstbelastingen, na aftrek van afgestane geldmiddelen | - | 7 |
| Opbrengsten uit overige investeringsactiviteiten | - | 3 |
| Ontvangen rente | 2 | 6 |
| Nettokasstromen uit / (gebruikt in) investeringsactiviteiten | (31) | (15) |
| Financieringsactiviteiten | ||
| Betaalde rente | (18) | (18) |
| Betaalde dividenden aan minderheidsbelangen | (2) | - |
| Inkoop van eigen aandelen | - | (17) |
| Ontvangsten van leningen | 177 | 177 |
| Terugbetalingen van leningen | (161) | (185) |
| Betalingen van leaseschulden | (1) | (6) |
| Ontvangsten uit/(betalingen) van derivaten | 2 | (1) |
| Andere nancieringsinkomsten/(-kosten) | - | 1 |
| Nettokasstromen uit nancieringsactiviteiten | (2) | (55) |
| Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten | (153) | (249) |
| Geldmiddelen en kasequivalenten bij het begin van de periode | 273 | 120 |
| Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten | 120 | (129) |
| Winst/(verlies) op kortlopende beleggingen | - | (4) |
| Impact van valutakoersverschillen op aangehouden geldmiddelen | (2) | (1) |
| Geldmiddelen en kasequivalenten op het einde van het boekjaar | 120 | 120 |
| 2021 (miljoen EUR) | 2022 (miljoen EUR) | |
|---|---|---|
| Operationele activiteiten | ||
| Netto-inkomsten | (217) | (241) |
| Aanpassingen voor niet-kascomponenten: | ||
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 118 | 109 |
| Voorzieningen | 26 | 32 |
| Actuarieel verlies/winst op pensioenen | 31 | (14) |
| Winst/verlies op verkoop van activa | (5) | (1) |
| Wijzigingen in werkkapitaal: | ||
| Klanten | (39) | 29 |
| Wijziging in de werkkapitaalverplichtingen | 47 | (68) |
| Wijziging in het werkkapitaal | (14) | (11) |
| Uitgaande kasstroom voor personeelsbeloningen | (325) | (317) |
| Uitgaande kasstroom voor voorzieningen | (18) | (15) |
| Veranderingen in de leaseportfolio | (7) | (2) |
| Veranderingen in ander werkkapitaal | 29 | 18 |
| Ontvangen kasstromen uit derivaten ter indekking van operationele activiteiten | 40 | (4) |
| Kasstromen uit / (gebruikt in) bedrijfsactiviteiten | (96) | (163) |
| Betaalde belastingen | (24) | (16) |
| Nettokasstromen uit / (gebruikt in) bedrijfsactiviteiten | (120) | (179) |
| Investeringsactiviteiten | ||
| Investeringsuitgaven | (22) | (25) |
| Ontvangsten uit de verkoop van immateriële activa en materiële vaste activa | 7 | 3 |
| Investeringen in geassocieerde deelnemingen en overnames na aftrek verworven geldmiddelen | (18) | (4) |
| Ontvangsten uit de verkoop van beëindigde activiteiten, na winstbelastingen, na aftrek van afgestane geldmiddelen | - | 7 |
| Opbrengsten uit overige investeringsactiviteiten | - | 3 |
| Ontvangen rente | 2 | 6 |
| Nettokasstromen uit / (gebruikt in) investeringsactiviteiten | (31) | (15) |
| Financieringsactiviteiten | ||
| Betaalde rente | (18) | (18) |
| Betaalde dividenden aan minderheidsbelangen | (2) | - |
| Inkoop van eigen aandelen | - | (17) |
| Ontvangsten van leningen | 177 | 177 |
| Terugbetalingen van leningen | (161) | (185) |
| Betalingen van leaseschulden | (1) | (6) |
| Ontvangsten uit/(betalingen) van derivaten | 2 | (1) |
| Andere nancieringsinkomsten/(-kosten) | - | 1 |
| Nettokasstromen uit nancieringsactiviteiten | (2) | (55) |
| Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten | (153) | (249) |
| Geldmiddelen en kasequivalenten bij het begin van de periode | 273 | 120 |
| Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten | (129) | (129) |
| Winst/(verlies) op kortlopende beleggingen | - | (4) |
| Impact van valutakoersverschillen op aangehouden geldmiddelen | (2) | (1) |
| Geldmiddelen en kasequivalenten op het einde van het boekjaar | 120 | 120 |
| 2021 (miljoen EUR) | 2022 (miljoen EUR) | |
|---|---|---|
| Operationele activiteiten | ||
| Netto-inkomsten | (217) | (241) |
| Aanpassingen voor niet-kascomponenten: | ||
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 118 | 109 |
| Voorzieningen | 26 | 32 |
| Actuarieel verlies/winst op pensioenen | 31 | (14) |
| Winst/verlies op verkoop van activa | (5) | (1) |
| Wijzigingen in werkkapitaal: | ||
| Klanten | (39) | 29 |
| Wijziging in de werkkapitaalverplichtingen | 47 | (68) |
| Wijziging in het werkkapitaal | (14) | (11) |
| Uitgaande kasstroom voor personeelsbeloningen | (325) | (317) |
| Uitgaande kasstroom voor voorzieningen | (18) | (15) |
| Veranderingen in de leaseportfolio | (7) | (2) |
| Veranderingen in ander werkkapitaal | 29 | 18 |
| Ontvangen kasstromen uit derivaten ter indekking van operationele activiteiten | 40 | (4) |
| Kasstromen uit / (gebruikt in) bedrijfsactiviteiten | (96) | (163) |
| Betaalde belastingen | (24) | (16) |
| Nettokasstromen uit / (gebruikt in) bedrijfsactiviteiten | (120) | (179) |
| Investeringsactiviteiten | ||
| Investeringsuitgaven | (22) | (25) |
| Ontvangsten uit de verkoop van immateriële activa en materiële vaste activa | 7 | 3 |
| Investeringen in geassocieerde deelnemingen en overnames na aftrek verworven geldmiddelen | (18) | (4) |
| Ontvangsten uit de verkoop van beëindigde activiteiten, na winstbelastingen, na aftrek van afgestane geldmiddelen | - | 7 |
| Opbrengsten uit overige investeringsactiviteiten | - | 3 |
| Ontvangen rente | 2 | 6 |
| Nettokasstromen uit / (gebruikt in) investeringsactiviteiten | (31) | (15) |
| Financieringsactiviteiten | ||
| Betaalde rente | (18) | (18) |
| Betaalde dividenden aan minderheidsbelangen | (2) | - |
| Inkoop van eigen aandelen | - | (17) |
| Ontvangsten van leningen | 177 | 177 |
| Terugbetalingen van leningen | (161) | (185) |
| Betalingen van leaseschulden | (1) | (6) |
| Ontvangsten uit/(betalingen) van derivaten | 2 | (1) |
| Andere nancieringsinkomsten/(-kosten) | - | 1 |
| Nettokasstromen uit nancieringsactiviteiten | (2) | (55) |
| Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten | (153) | (249) |
| Geldmiddelen en kasequivalenten bij het begin van de periode | 273 | 120 |
| Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten | (129) | (129) |
| Winst/(verlies) op kortlopende beleggingen | - | (4) |
| Impact van valutakoersverschillen op aangehouden geldmiddelen | (2) | (1) |
| Geldmiddelen en kasequivalenten op het einde van het boekjaar | 120 | 120 |
| 2021 (miljoen EUR) | 2022 (miljoen EUR) | |
|---|---|---|
| Operationele activiteiten | ||
| Netto-inkomsten | (217) | (241) |
| Aanpassingen voor niet-kascomponenten: | ||
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 118 | 109 |
| Voorzieningen | 26 | 32 |
| Actuarieel verlies/winst op pensioenen | 31 | (14) |
| Winst/verlies op verkoop van activa | (5) | (1) |
| Wijzigingen in werkkapitaal: | ||
| Klanten | (39) | 29 |
| Wijziging in de werkkapitaalverplichtingen | 47 | (68) |
| Wijziging in het werkkapitaal | (14) | (11) |
| Uitgaande kasstroom voor personeelsbeloningen | (325) | (317) |
| Uitgaande kasstroom voor voorzieningen | (18) | (15) |
| Veranderingen in de leaseportfolio | (7) | (2) |
| Veranderingen in ander werkkapitaal | 29 | 18 |
| Ontvangen kasstromen uit derivaten ter indekking van operationele activiteiten | 40 | (4) |
| Kasstromen uit / (gebruikt in) bedrijfsactiviteiten | (96) | (163) |
| Betaalde belastingen | (24) | (16) |
| Nettokasstromen uit / (gebruikt in) bedrijfsactiviteiten | (120) | (179) |
| Investeringsactiviteiten | ||
| Investeringsuitgaven | (22) | (25) |
| Ontvangsten uit de verkoop van immateriële activa en materiële vaste activa | 7 | 3 |
| Investeringen in geassocieerde deelnemingen en overnames na aftrek verworven geldmiddelen | (18) | (4) |
| Ontvangsten uit de verkoop van beëindigde activiteiten, na winstbelastingen, na aftrek van afgestane geldmiddelen | - | 7 |
| Opbrengsten uit overige investeringsactiviteiten | - | 3 |
| Ontvangen rente | 2 | 6 |
| Nettokasstromen uit / (gebruikt in) investeringsactiviteiten | (31) | (15) |
| Financieringsactiviteiten | ||
| Betaalde rente | (18) | (18) |
| Betaalde dividenden aan minderheidsbelangen | (2) | - |
| Inkoop van eigen aandelen | - | (17) |
| Ontvangsten van leningen | 177 | 177 |
| Terugbetalingen van leningen | (161) | (185) |
| Betalingen van leaseschulden | (1) | (6) |
| Ontvangsten uit/(betalingen) van derivaten | 2 | (1) |
| Andere nancieringsinkomsten/(-kosten) | - | 1 |
| Nettokasstromen uit nancieringsactiviteiten | (2) | (55) |
| Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten | (153) | (249) |
| Geldmiddelen en kasequivalenten bij het begin van de periode | 273 | 120 |
| Nettowijziging in geldmiddelen en kasequivalenten | (129) | (129) |
| Winst/(verlies) op kortlopende beleggingen | - | (4) |
| Impact van valutakoersverschillen op aangehouden geldmiddelen | (2) | (1) |
| Geldmiddelen en kasequivalenten op het einde van het boekjaar | 120 | 120 |
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.