AI Terminal

MODULE: AI_ANALYST
Interactive Q&A, Risk Assessment, Summarization
MODULE: DATA_EXTRACT
Excel Export, XBRL Parsing, Table Digitization
MODULE: PEER_COMP
Sector Benchmarking, Sentiment Analysis
SYSTEM ACCESS LOCKED
Authenticate / Register Log In

EXMAR NV

Annual Report Apr 17, 2025

3948_rns_2025-04-17_e29a9d3e-5cd4-400d-ba8c-6066b52099c9.pdf

Annual Report

Open in Viewer

Opens in native device viewer

EXMAR 2024

2024 was een jaar van verandering voor EXMAR, gekenmerkt door strategische vooruitgang, sterke financiële prestaties en belangrijke mijlpalen die ons leiderschap in de maritieme sector verder hebben verstevigd. Eerst en vooral wil ik mijn oprechte dank betuigen aan onze toegewijde bemanning, werknemers, partners en aandeelhouders voor hun toegewijde steun. Samen varen we door het dynamische maritieme landschap met veerkracht en ambitie.

Financiële prestaties

In 2024 realiseerde EXMAR een winst van USD 181 miljoen voor het volledige jaar, wat een bevestiging is van onze sterke financiële prestaties in een uitdagende marktomgeving. Onze aangepaste EBITDA steeg aanzienlijk met 65% op jaarbasis, dankzij solide resultaten in onze scheepvaart- en infrastructuursegmenten, alsook van onze engineeringactiviteiten.

Operationele prestaties

Onze scheepvaartafdeling bleef goed presteren, met een vloot die in 2024 voor 100% in dienst is, terwijl we 12 schepen in droogdok hebben gehad. Een belangrijke mijlpaal was de bevestiging van het order voor 's werelds eerste zeeschip met ammoniak als brandstof, met de eerste snede van het staal eind 2024. Hiermee positioneert EXMAR zich wederom als pionier in duurzame maritieme oplossingen. Bovendien draaiden onze infrastructuur activa met 100% uptime, wat bijdroeg tot onze stabiele inkomstenstromen.

Marktexpansie en innovatie

Dit jaar werd ook EXMAR LPG France opgericht, dat zes nieuwe dual-fuel LPG/NH3 Midsize gastankers in aanbouw in Korea en vier nieuwe dual-fuel LPG/NH3 Midsize gastankers in aanbouw in China, zal beheren. EXMAR Offshore Company (EOC) heeft een contract getekend met BP voor de ontwikkeling van hun Kaskida-veld in de Golf van Amerika en heeft het beste jaar tot nu toe achter de rug.

Uitdagingen en marktomstandigheden

Ondanks de onzekerheden in de wereldeconomie konden we dankzij onze gediversifieerde portefeuille het hoofd bieden aan deze uitdagingen. Het segment van

de drukschepen had te kampen met uitdagingen als gevolg van de economische omstandigheden in China, maar we zagen verbeteringen toen de vraag aantrok als gevolg van seizoensgebonden omstandigheden.

Bedrijfsontwikkelingen

Een belangrijke mijlpaal werd bereikt met de strategische verkoop van onze dochteronderneming Bexco. De onderneming werd in mei 2024 verkocht aan Bekaert. Deze beslissing past perfect in onze strategie om ons te concentreren op investeringen in een ultramoderne vloot, waaronder 's werelds eerste zeeschepen met ammoniak als brandstof, en om onze energie-infrastructuur en dienstverlening uit te breiden.

Vooruitblik

Met het oog op 2025 en de komende jaren, blijven we ons inzetten voor onze strategische prioriteiten: onze operationele uitmuntendheid waarborgen, onze aanwezigheid op de markt uitbreiden en pionierswerk verrichten op het vlak van duurzame energieoplossingen. Hoewel de impact van Fuel EU Maritime ongetwijfeld uitdagingen met zich meebrengt voor de hele maritieme sector, is EXMAR goed voorbereid met de sterkste vloot om aan deze eisen te voldoen. Onze infrastructuurafdeling zal hun ervaring kunnen inzetten om nieuwe projecten te ontwikkelen waarvan we hopen dat ze in 2025 tot een nieuw project zullen leiden. We zijn klaar om waarde te blijven leveren aan onze stakeholders door innovatie, samenwerking en strategische visie.

Carl-Antoine Saverys CEO, EXMAR

Eugeen Van Mieghem

In het jaarverslag van 2024 brengen we hulde aan Eugeen Van Mieghem, wiens kunst op meesterlijke wijze de ziel van de haven en de mensen die haar tot leven brengen, vormgeeft. Als bedrijf dat diep geworteld is in de maritieme industrie, resoneert zijn werk met onze missie en waarden, en weerspiegelt het zowel de geschiedenis als de toekomst van onze sector. Op die manier vieren we niet alleen ons erfgoed, maar ook de voortdurende evolutie van ons vakgebied.

De voorbije jaren werd het oeuvre van de Antwerpse havenkunstenaar Eugeen Van Mieghem internationaal herontdekt. Een stichting, een museum, tentoonstellingen in binnen- en buitenland, talrijke kunstboeken en bronzen beelden naar zijn werk hebben zijn boeiende oeuvre opnieuw onder de aandacht gebracht. Sinds 2010 is er een expositie aan hem gewijd in het unieke Redershuis. Dit kwam tot stand dankzij de steun en sponsoring van de Koninklijke Belgische Redersvereniging.

Van Mieghem werd geboren in een bar in het hart van de oude haven op 1 oktober 1875. In zijn jeugd werd hij geconfronteerd met het harde leven aan de waterkant. Hij ontwikkelde een idealisme om kunstenaar te worden van het havenvolk: de havenarbeiders (zowel mannen als vrouwen), emigranten, schippers en zwervers. Nadat hij in 1896 van de academie werd gestuurd, werkte hij als bevrachter in de haven. Hij tekende in schetsboeken en was vooral gefascineerd door de duizenden emigranten die naar de Nieuwe Wereld vertrokken aan boord van Red Star Line schepen.

Op 28 januari 1902 trouwde hij met Augustine Pautre en in datzelfde jaar werd hun zoon geboren. In december 1904 werd Augustine ziek nadat ze als naaktmodel had geposeerd. Van Mieghem portretteerde de laatste dagen van de jonge vrouw in een indrukwekkende reeks tekeningen en schetsen. In 1920 werd Van Mieghem benoemd tot professor aan de Antwerpse Academie en tot aan zijn dood op 24 maart 1930 nam hij bijna jaarlijks deel aan de meeste belangrijke Belgische tentoonstellingen. Na de Tweede Wereldoorlog verdween zijn oeuvre echter in de vergetelheid. De oprichting van de Eugeen Van Mieghem Stichting in 1982 zorgde echter voor een keerpunt.

In de Europese sociale kunst van rond de eeuwwisseling wordt zijn werk nu door internationale kunstcritici gesitueerd naast figuren als Jean-François Millet, de Toulouse-Lautrec, Steinlen en Käthe Kollwitz. Als geen ander heeft Van Mieghem het leven van gewone mensen getekend en geschilderd, levend en werkend in een wereldhaven. In zijn weergave van de sociale context benadert hij de kracht en authenticiteit van kunstenaars als Jean-François Millet. Net als deze voorloper in de sociale kunst hoefde Van Mieghem nooit zijn eigen omgeving te verlaten om onderwerpen voor zijn kunst te vinden. De wereld passeerde letterlijk aan zijn deur.

Op 2 oktober 2025 opent een tentoonstelling in het KMSKA (Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen).

2

Inhoud

1. Panorama 5
1.1 Financieel overzicht 6
1.2 EXMAR in een oogopslag 8
1.3 Onze oorsprong en onze business 10
2. Activiteiten verslag
2.1 Shipping 20
2.2 Infrastructure 30
2.3 Diensten 38
3. Duurzaamheidsverslag 47
3.1 De duurzaamheidsreis van EXMAR 50
3.2 Milieu 74
3.3 Sociaal 90
3.4 Zakelijk gedrag 102
3.5 Bijlage 110
4. Corporate governance verklaring 125
4.1 Corporate governance verklaring 126
4.2 Interne controle- en risicobeheersystemen
- beoordeling 138
4.3 Remuneratieverslag 148
5. Financieel verslag 155
5.1 Jaarverslag van de Raad van Bestuur
aan de aandeelhouders 158
5.2 Geconsolideerde jaarrekening 164
5.3 Statutaire jaarrekening EXMAR NV 234
6. Woordenlijst 237

1.1 Financieel overzicht 6
1.2 EXMAR in een oogopslag 8
1.3 Onze oorsprong en onze business 10

1.1 Financieel overzicht

GECONSOLIDEERDE KERNCIJFERS

International
Financial Reporting
Standards (IFRS)1
Management rapportering
gebaseerd op de proportionele
consolidatie2
GECONSOLIDEERDE RESULTATEN
(IN MILJOENEN USD)
31 DECEMBER
2024
31 DECEMBER
2023
31 DECEMBER
2024
31 DECEMBER
2023
Opbrengsten 348,9 487,3 434,9 578,3
EBITDA 204,7 80,4 273,8 154,4
Gecorrigeerde EBITDA 106,1 80,4 175,2 154,4
Afschrijvingen -34,4 -31,3 -67,3 -59,6
Bedrijfsresultaat (EBIT) 170,2 49,1 206,4 94,9
Netto financieel resultaat -3,1 -5,1 -17,0 -18,6
Aandeel in het resultaat in geassocieerde
ondernemingen en joint ventures
(na belastingen)
24,9 32,1 2,7 0,2
Resultaat voor belasting 192,1 76,2 192,2 76,3
Belastingen op het resultaat -11,1 -4,1 -11,2 -4,4
Resultaat van de periode 181,0 72,0 181,0 72,0
Aandeel van de Groep in het resultaat 181,0 72,0 181,0 72,0
INFORMATIE PER AANDEEL
(IN USD PER AANDEEL)
Gewogen gemiddeld aantal aandelen
tijdens de periode
57.543.987 57.415.904 57.543.987 57.415.904
EBITDA 3,56 1,40 4,76 2,69
Gecorrigeerde EBITDA 1,84 1,40 3,04 2,69
Bedrijfsresultaat (EBIT) 2,96 0,86 3,59 1,65
Resultaat van de periode 3,15 1,25 3,15 1,25
INFORMATIE PER AANDEEL
(IN EUR PER AANDEEL)
EBITDA 1,0862 1,0824 1,0862 1,0824
Gecorrigeerde EBITDA 3,27 1,29 4,38 2,48
Bedrijfsresultaat (EBIT) 1,70 1,29 2,80 2,48
Resultaat van de periode 2,72 0,79 3,30 1,53
EBITDA 2,90 1,15 2,90 1,16
  • 1 De cijfers in deze kolommen werden opgemaakt op basis van IFRS zoals toegepast door de EU, zijnde joint ventures opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode.
  • 2 De cijfers in deze kolommen weerspiegelen de management rapportering en tonen de joint ventures opgenomen volgens de proportionele consolidatiemethode in plaats van volgens de vermogensmutatiemethode. Een reconciliatie tussen de bedragen opgesteld volgens de proportionele en vermogensmutatiemethode is weergegeven in Toelichting 3 Reconciliatie segmentrapportering in het Financieel Verslag per 31 december 2024.

BELANGRIJKSTE RATIO'S

(gebaseerd op de proportionele consolidatiemethode, in miljoenen USD)

Volgende elementen werden uit de EBITDA verwijderd om tot de Gecorrigeerde EBITDA te komen:

• 2024: winst uit de verkoop van alle aandelen van Export LNG, eigenaar van de Tango FLNG (USD 78 miljoen), winst op de verkoop van alle aandelen van Bexco NV (USD 20.6 miljoen)

• 2023: geen aanpassingen

1.2 EXMAR in een oogopslag

Verenigde Staten van Amerika

Verenigd Koninkrijk

Frankrijk

Jamaica

AANDELENINFORMATIE

Het EXMAR-aandeel is genoteerd op Euronext Brussel en maakt deel uit van de Bel Small Index (EXM) Referentieaandeelhouder is Saverex NV

VERDELING PER 31 DECEMBER 2024

TOTAAL: 59.500.000 AANDELEN

8

9

Scheepsbouwactiviteit breidt zich uit onder Georges Van Damme, met 's werelds grootste LNG-tanker Methania (1978) en het eerste LPG-schip van EXMAR groeit in de LPG-, NH3 - en ethyleensegmenten door de bestelling van vier middelgrote schepen en door het aangaan van joint ventures, waaronder VLGC's en ethyleen-/chemische gastankers 1984 Tielrode design 25,000m3 Boelwerf, Belgium 1.3 Onze oorsprong en onze business

Scheepswerf Boelwerf wordt opgericht door Bernard Boel aan de Schelde nabij Antwerpen Start LPG/NH3 -activiteiten Eerste NH3-carrier 24.000m3 Start midsize vloot Nicolas Saverys start gastransportactiviteiten onder "EXMAR" EXMAR biedt maritieme oplossingen voor de exploitatie, het transport en de transformatie van gas aan. Als rederij pionieren we om onze klanten te bedienen in het efficiënt transporteren en transformeren van gasvormige moleculen.

Onze missie is om generaties van scheepseigendom, scheepsbouw, maritieme infrastructuur en projectuitvoering te benutten voor een betere energietoekomst.

Als wereldwijde rederij heeft EXMAR kantoren en vertegenwoordigers in verschillende landen over de hele wereld.

Scheepswerf Boelwerf wordt opgericht door Bernard Boel aan de Schelde nabij Antwerpen

Oprichting van EXMAR Offshore Company in Houston, Texas, VS

EXMAR koopt Zapata Offshore in 1991 en verkoopt zijn offshore boorplatforms.

zich uit onder Georges Van Damme, met 's werelds grootste LNG-tanker Methania (1978) en het eerste LPG-schip van Boelwerf, Coral Temse (1981)

3e en 4e generatie LPG/NH3 Midsize Carriers 1990 Sombeke design 33,600m3

Scheepsbouwactiviteit breidt

Boelwerf, Coral Temse (1981)

1995 Eeklo design 37,900m3

Boelwerf, België

Boelwerf, België

3e en 4e generatie LPG/NH3 Midsize Carriers 1990 Sombeke design 33,600m3

5e generatie LPG/NH3 Midsize-carriers

6e generatie LPG/NH3 Midsize Carriers

38,000m3

1995 Eeklo design 37,900m3

2015 Kaprijke design 38,000m3

2014 Waasmunster design

2006 Libramont design 38,000m3

Onder leiding van de familie Saverys

(droge lading), EXMAR (gastankers) en Euronav (olietankers).

Nicolas Saverys start gastransportactiviteiten onder "EXMAR" voert EXMAR een omgekeerde overname uit, waardoor CMB de moedermaatschappij wordt van de rederijgroep, opgesplitst in drie dochterondernemingen: Bocimar

EXMAR groeit in de LPG-, NH3 - en ethyleensegmenten door de bestelling van vier middelgrote schepen en door het aangaan van joint ventures, waaronder VLGC's en Levering van 138.000 m3 LNGC "Excalibur"

1990 Chaconia design 28,000m3

Boelwerf, Belgium

ethyleen-/chemische gastankers 1984 Tielrode design 25,000m3 Boelwerf, Belgium

Levering van FPSO "Farwah" Total Libië

Levering van FPO "OPTI-EX" aan LLOG, VS. Sindsdien 4 units

Levering van FPO "OPTI-EX" aan LLOG, VS. Sindsdien 4 units

geleverd.

6e generatie LPG/NH3 Midsize Carriers

6e generatie LPG/NH3 Midsize Carriers

38,000m3

2014 Waasmunster design

2015 Kaprijke design 38,000m3

Hyundai, Zuid-Korea

Hanjin, Filippijnen

38,000m3

2014 Waasmunster design

Tango FLNG ingezet voor export van LNG, Wison, China

2015 Kaprijke design 38,000m3

Hyundai, Zuid-Korea

Hanjin, Filippijnen

Eerste volledige lading blauwe ammoniak, geleverd vanuit Ras Al-Khair, Saoedi-Arabië naar Varna West Port, Bulgarije

Tango FLNG ingezet voor export van LNG, Wison, China

Eerste volledige lading blauwe ammoniak, geleverd vanuit Ras Al-Khair, Saoedi-Arabië naar Varna West Port, Bulgarije

De eerste FLNG op een platform van EXMAR is losgekoppeld en gaat de Oost-Chinese Zee in voor de eindassemblage en inbedrijfstelling. EXMAR bestelt een op een platform gebaseerde drijvende hervergassingseenheid voor levering in 2017.

Levering van 's werelds eerst bestelde 88,000 m3 VLGC met LPG als brandstof, Jiangnan,

China

De eerste FLNG op een platform van EXMAR is losgekoppeld en gaat de Oost-Chinese Zee in voor de eindassemblage en inbedrijfstelling. EXMAR bestelt een op een platform gebaseerde drijvende hervergassingseenheid voor levering in 2017.

Fast track FLNG-oplossing gecontracteerd voor LNG-export uit de Republiek Congo

Levering van 's werelds eerst bestelde 88,000 m3 VLGC met LPG als brandstof, Jiangnan,

Fast track FLNG-oplossing gecontracteerd voor LNG-export uit de Republiek Congo

China

Het Delta House Floating-productiesysteem van LLOG is vernoemd naar Ingleside, Texas en wordt succesvol ingezet in de Golf van Mexico met het innovatieve OPTI® Hull Design en de FAST® Riser pull-in-methode

Fast Track FSRU-oplossing gecontracteerd voor gasimport naar Nederland

Het Delta House Floating-productiesysteem van LLOG is vernoemd naar Ingleside, Texas en wordt succesvol ingezet in de Golf van Mexico met het innovatieve OPTI® Hull Design en de FAST® Riser pull-in-methode

van EXMAR.

van EXMAR.

Fast Track FSRU-oplossing gecontracteerd voor gasimport naar Nederland

Levering van de eerste 7e generatie LPG Midsize Carrier "Champagny"

Levering van de eerste 7e generatie LPG Midsize Carrier "Champagny"

Levering van 's werelds eerste op een binnenschip gebaseerde FSRU, Wison, China

Eerste NH3 STS-operatie, Fujairah, Verenigde Arabische

Emiraten

Levering van 's werelds eerste op een binnenschip gebaseerde FSRU, Wison, China

Eerste NH3 STS-operatie, Fujairah, Verenigde Arabische

Op basis van EXMAR's track record volledig klaar om de volledige waardeketen te kunnen bestrijken

Op basis van EXMAR's track record volledig klaar om de volledige waardeketen te kunnen bestrijken

Emiraten

geleverd.

Sluitingstransactie FSRU-vlootverkoop aan Excelerate Energy

Sluitingstransactie FSRU-vlootverkoop aan Excelerate Energy

100 miljoen ton NH3 getransporteerd in 4 decennia

100 miljoen ton NH3 getransporteerd in 4 decennia

Start LPG/NH3 -activiteiten Eerste NH3-carrier 24.000m3 Start midsize vloot

in 1995.

Scheepswerf Boelwerf wordt opgericht door Bernard Boel aan de Schelde nabij Antwerpen

Bouw en levering van semi-submersible boorplatform Yatzy gebouwd bij Boelwerf /

EXMAR koopt Zapata Offshore in 1991 en verkoopt zijn offshore boorplatforms.

Oprichting van EXMAR Offshore Company in Houston, Texas, VS

Levering van 's werelds eerste FSRU "Excelsior" Bouw een vloot van 8 FSRU's

2006 Libramont design 38,000m3

5e generatie LPG/NH3 Midsize-carriers

3e en 4e generatie LPG/NH3 Midsize Carriers 1990 Sombeke design 33,600m3

1995 Eeklo design 37,900m3

Scheepsbouwactiviteit breidt zich uit onder Georges Van Damme, met 's werelds grootste LNG-tanker Methania (1978) en het eerste LPG-schip van Boelwerf, Coral Temse (1981)

EXMAR groeit in de LPG-, NH3

ethyleensegmenten door de bestelling van vier middelgrote schepen en door het aangaan van joint ventures, waaronder VLGC's en ethyleen-/chemische gastankers

1984 Tielrode design 25,000m3

Boelwerf, Belgium 1990 Chaconia design 28,000m3

Boelwerf, Belgium

Levering van 138.000 m3 LNGC "Excalibur"

EXMAR bestelt 6 pressurized LPG schepen van 3500 - 5000m3

partner Wah Kwong

bij

  • en

Start LPG/NH3

Levering van FPSO "Farwah" Total Libië

EXMAR gaat een alliantie aan met Black & Veatch Corporation uit de Verenigde Staten om samen een drijvende liquefactie-eenheid te ontwikkelen

-activiteiten Eerste NH3-carrier 24.000m3 Start midsize vloot

Boelwerf, België

Boelwerf, België

Generale Maatschappij van België verkoopt haar CMB-aandelen aan Almabo en haar rederij EXMAR. Onder leiding van de familie Saverys voert EXMAR een omgekeerde overname uit, waardoor CMB de moedermaatschappij wordt van de rederijgroep, opgesplitst in drie dochterondernemingen: Bocimar (droge lading), EXMAR (gastankers) en Euronav (olietankers).

Eerste offshore LNG Ship-to-Ship-vrachtoverdracht bij Scapa Flow voor de Orkney-eilanden in het Verenigd Koninkrijk

Nicolas Saverys start gastransportactiviteiten onder "EXMAR"

DSME, South-Korea

Cockerill.

in 1995.

Cockerill.

in 1995.

semi-submersible boorplatform Levering van 's werelds eerste FSRU "Excelsior" Bouw een vloot van 8 FSRU's

Yatzy gebouwd bij Boelwerf /

EXMAR koopt Zapata Offshore in 1991 en verkoopt zijn offshore boorplatforms.

Oprichting van EXMAR Offshore Company in Houston, Texas, VS

Bouw en levering van

Boelwerf, België

DSME, South-Korea

Boelwerf, België

Hyundai, Zuid-Korea

Hanjin, Filippijnen

2006 Libramont design 38,000m3

Eerste volledige lading blauwe ammoniak, geleverd vanuit Ras Al-Khair, Saoedi-Arabië naar Varna West Port, Bulgarije

5e generatie LPG/NH3 Midsize-carriers

van LNG, Wison, China

DSME, South-Korea

De eerste FLNG op een platform van EXMAR is losgekoppeld en

Generale Maatschappij van België verkoopt haar CMB-aandelen aan Almabo en haar rederij EXMAR. Eerste offshore LNG Ship-to-Ship-vrachtoverdracht bij Scapa Flow voor de Orkney-eilanden in het Verenigd Koninkrijk

Onder leiding van de familie Saverys voert EXMAR een omgekeerde overname uit, waardoor CMB de moedermaatschappij wordt van de rederijgroep, opgesplitst in drie dochterondernemingen: Bocimar (droge lading), EXMAR (gastankers) en Euronav (olietankers).

EXMAR bestelt 6 pressurized LPG schepen van 3500 - 5000m3 bij partner Wah Kwong

Levering van 138.000 m3 LNGC "Excalibur"

Levering van FPSO "Farwah" Total Libië EXMAR gaat een alliantie aan met Black & Veatch Corporation uit de Verenigde Staten om samen een drijvende liquefactie-eenheid te ontwikkelen

Levering van 's werelds eerste FSRU "Excelsior" Bouw een vloot van 8 FSRU's

Sluitingstransactie FSRU-vlootverkoop aan Excelerate Energy

100 miljoen ton NH3 getransporteerd in 4 decennia

Levering van 's werelds eerst bestelde 88,000 m3 VLGC met LPG als brandstof, Jiangnan, China

Eerste offshore LNG Ship-to-Ship-vrachtoverdracht bij Scapa Flow voor de Orkney-eilanden in het Verenigd Koninkrijk

Fast track FLNG-oplossing gecontracteerd voor LNG-export uit de Republiek Congo

Levering van de eerste 7e generatie LPG Midsize Carrier "Champagny"

Eerste NH3 STS-operatie, Fujairah, Verenigde Arabische Emiraten

EXMAR gaat een alliantie aan met Black & Veatch Corporation uit de Verenigde Staten om samen een drijvende liquefactie-eenheid te ontwikkelen

Op basis van EXMAR's track record volledig klaar om de volledige waardeketen te kunnen bestrijken

ONZE OORSPRONG

Levering van FPO "OPTI-EX" aan LLOG, VS. Sindsdien 4 units

Sluitingstransactie FSRU-vlootverkoop aan Excelerate Energy

100 miljoen ton NH3 getransporteerd in 4 decennia

Eerste volledige lading blauwe ammoniak, geleverd vanuit Ras Al-Khair, Saoedi-Arabië naar Varna West Port, Bulgarije

ammoniak, geleverd vanuit Ras Al-Khair, Saoedi-Arabië naar Varna West Port, Bulgarije

Scheepswerf Boelwerf wordt opgericht door Bernard Boel aan de Schelde nabij Antwerpen

Oprichting van EXMAR Offshore Company in Houston, Texas, VS

EXMAR koopt Zapata Offshore in 1991 en verkoopt zijn offshore boorplatforms.

Bouw en levering van semi-submersible boorplatform Yatzy gebouwd bij Boelwerf /

Cockerill.

in 1995.

Scheepswerf Boelwerf wordt opgericht door Bernard Boel aan de Schelde nabij Antwerpen

Bouw en levering van semi-submersible boorplatform Yatzy gebouwd bij Boelwerf /

EXMAR koopt Zapata Offshore in 1991 en verkoopt zijn offshore boorplatforms.

Levering van 's werelds eerste FSRU "Excelsior" Bouw een vloot van 8 FSRU's

Oprichting van EXMAR Offshore Company in Houston, Texas, VS

Levering van 's werelds eerste FSRU "Excelsior" Bouw een vloot van 8 FSRU's

2006 Libramont design 38,000m3

5e generatie LPG/NH3 Midsize-carriers

3e en 4e generatie LPG/NH3 Midsize Carriers 1990 Sombeke design 33,600m3

5e generatie LPG/NH3 Midsize-carriers

1995 Eeklo design 37,900m3

2006 Libramont design 38,000m3

Scheepsbouwactiviteit breidt zich uit onder Georges Van Damme, met 's werelds grootste LNG-tanker Methania (1978) en het eerste LPG-schip van Boelwerf, Coral Temse (1981)

Scheepsbouwactiviteit breidt zich uit onder Georges Van Damme, met 's werelds grootste LNG-tanker Methania (1978) en het eerste LPG-schip van Boelwerf, Coral Temse (1981)

1995 Eeklo design 37,900m3

Boelwerf, België

Boelwerf, België

3e en 4e generatie LPG/NH3 Midsize Carriers 1990 Sombeke design 33,600m3

EXMAR groeit in de LPG-, NH3

EXMAR groeit in de LPG-, NH3

ethyleensegmenten door de bestelling van vier middelgrote schepen en door het aangaan van joint ventures, waaronder VLGC's en ethyleen-/chemische gastankers

1984 Tielrode design 25,000m3

Boelwerf, Belgium 1990 Chaconia design 28,000m3

Boelwerf, Belgium

  • en

ethyleensegmenten door de bestelling van vier middelgrote schepen en door het aangaan van joint ventures, waaronder VLGC's en ethyleen-/chemische gastankers

Levering van 138.000 m3 LNGC "Excalibur"

1984 Tielrode design 25,000m3

Boelwerf, Belgium 1990 Chaconia design 28,000m3

Boelwerf, Belgium

Levering van 138.000 m3 LNGC "Excalibur"

partner Wah Kwong

EXMAR bestelt 6 pressurized LPG schepen van 3500 - 5000m3

bij

EXMAR bestelt 6 pressurized LPG schepen van 3500 - 5000m3

partner Wah Kwong

bij

  • en

Start LPG/NH3

Levering van FPSO "Farwah" Total Libië

Start LPG/NH3

-activiteiten Eerste NH3-carrier 24.000m3 Start midsize vloot

Levering van FPSO "Farwah" Total Libië

EXMAR gaat een alliantie aan met Black & Veatch Corporation uit de Verenigde Staten om samen een drijvende liquefactie-eenheid te ontwikkelen

EXMAR gaat een alliantie aan met Black & Veatch Corporation uit de Verenigde Staten om samen een drijvende liquefactie-eenheid te ontwikkelen

-activiteiten Eerste NH3-carrier 24.000m3 Start midsize vloot

Boelwerf, België

DSME, South-Korea

Boelwerf, België

Generale Maatschappij van België verkoopt haar CMB-aandelen aan Almabo en haar rederij EXMAR. Onder leiding van de familie Saverys voert EXMAR een omgekeerde overname uit, waardoor CMB de moedermaatschappij wordt van de rederijgroep, opgesplitst in drie dochterondernemingen: Bocimar (droge lading), EXMAR (gastankers) en Euronav (olietankers).

Eerste offshore LNG Ship-to-Ship-vrachtoverdracht bij Scapa Flow voor de Orkney-eilanden in het Verenigd Koninkrijk

Eerste offshore LNG Ship-to-Ship-vrachtoverdracht bij Scapa Flow voor de Orkney-eilanden in het Verenigd Koninkrijk

Nicolas Saverys start gastransportactiviteiten onder "EXMAR"

Nicolas Saverys start gastransportactiviteiten onder "EXMAR"

Generale Maatschappij van België verkoopt haar CMB-aandelen aan Almabo en haar rederij EXMAR. Onder leiding van de familie Saverys voert EXMAR een omgekeerde overname uit, waardoor CMB de moedermaatschappij wordt van de rederijgroep, opgesplitst in drie dochterondernemingen: Bocimar (droge lading), EXMAR (gastankers) en Euronav (olietankers).

DSME, South-Korea

Cockerill.

in 1995.

Scheepswerf Boelwerf wordt opgericht door Bernard Boel aan de Schelde nabij Antwerpen Scheepsbouwactiviteit breidt zich uit onder Georges Van Damme, met 's werelds grootste LNG-tanker Methania (1978) en het eerste LPG-schip van Boelwerf, Coral Temse (1981) Nicolas Saverys start gastransportactiviteiten onder "EXMAR" De oorsprong van EXMAR ligt aan de oevers van de Schelde. In 1829 ontstond op de Boelwerf een traditionele scheepswerf die gespecialiseerd was in de bouw van houten rivierschepen en zich omvormde tot een grote industriële werf. Dit vormde de voedingsbodem voor het grootste binnenvaartschip van Europa in 1911: de GRAAF DE SMET-DE NAYER met een lengte van 112 meter.

Onder leiding van Georges Van Damme breidt de scheepswerf in de naoorlogse periode snel uit met

schepen en door het aangaan van joint ventures, waaronder VLGC's en ethyleen-/chemische gastankers 1984 Tielrode design 25,000m3 Boelwerf, Belgium de bouw van 27 schepen voor Rusland en nieuwe investeringen in infrastructuur leiden tot de bouw van grotere, meer innovatieve schepen.

  • en

Levering van FPO "OPTI-EX" aan LLOG, VS. Sindsdien 4 units

6e generatie LPG/NH3 Midsize Carriers

38,000m3

2014 Waasmunster design

2015 Kaprijke design 38,000m3

Hyundai, Zuid-Korea

Hanjin, Filippijnen

Eerste volledige lading blauwe ammoniak, geleverd vanuit Ras Al-Khair, Saoedi-Arabië naar Varna West Port, Bulgarije

Tango FLNG ingezet voor export van LNG, Wison, China

De eerste FLNG op een platform van EXMAR is losgekoppeld en gaat de Oost-Chinese Zee in voor de eindassemblage en inbedrijfstelling. EXMAR bestelt een op een platform gebaseerde drijvende hervergassingseenheid voor levering in 2017.

Fast track FLNG-oplossing gecontracteerd voor LNG-export uit de Republiek Congo

Levering van 's werelds eerst bestelde 88,000 m3 VLGC met LPG als brandstof, Jiangnan,

China

Het Delta House Floating-productiesysteem van LLOG is vernoemd naar Ingleside, Texas en wordt succesvol ingezet in de Golf van Mexico met het innovatieve OPTI® Hull Design en de FAST® Riser pull-in-methode

van EXMAR.

Fast Track FSRU-oplossing gecontracteerd voor gasimport naar Nederland

Levering van de eerste 7e generatie LPG Midsize Carrier "Champagny"

Levering van 's werelds eerste op een binnenschip gebaseerde FSRU, Wison, China

Eerste NH3 STS-operatie, Fujairah, Verenigde Arabische

Op basis van EXMAR's track record volledig klaar om de volledige waardeketen te kunnen bestrijken

Emiraten

geleverd.

Sluitingstransactie FSRU-vlootverkoop aan Excelerate Energy

100 miljoen ton NH3 getransporteerd in 4 decennia

EXMAR groeit in de LPG-, NH3

ethyleensegmenten door de bestelling van vier middelgrote

1990 Chaconia design

Start LPG/NH3 -activiteiten Eerste NH3-carrier 24.000m3 Start midsize vloot 28,000m3 Boelwerf, Belgium De eerste FLNG op een platform van EXMAR is losgekoppeld en In de daaropvolgende jaren bereikt Boelwerf vele mijlpalen, waaronder de oplevering van de LNG-carrier in 1978, de bouw van de eerste eigen LPG-gastanker CORAL TEMSE (7.300 m³) die gezorgd heeft voor de introductie in de gassector, gevolgd door de benoeming van Van Damme's schoonzoon Philippe Saverys als voorzitter.

Levering van 's werelds eerste op een binnenschip gebaseerde

gaat de Oost-Chinese Zee in voor de eindassemblage en inbedrijfstelling. EXMAR bestelt een op een platform gebaseerde drijvende hervergassingseenheid

Fast track FLNG-oplossing gecontracteerd voor LNG-export uit de Republiek Congo

Levering van 's werelds eerst bestelde 88,000 m3 VLGC met LPG als brandstof, Jiangnan,

China

Levering van de eerste 7e generatie LPG Midsize Carrier "Champagny"

generatie LPG Midsize Carrier "Champagny"

Eerste NH3 STS-operatie, Fujairah, Verenigde Arabische

Op basis van EXMAR's track record volledig klaar om de volledige waardeketen te kunnen bestrijken

Emiraten

11

In 1983 breidde de vloot zich snel uit door de bouw van meer schepen in Boelwerf, waaronder EUPEN (57.000 m³), TIELRODE (25.000 m³) en verschillende schepen in tijdbevrachting, zoals het zusterschip GENT (57.000 m³), opgeleverd in 1985.

Aanvankelijk was EXMAR enkel de commerciële en scheepvaartafdeling van de scheepswerf Boelwerf. In de loop van de jaren 1980 breidde EXMAR haar activiteiten als gasrederij in de segmenten LPG, ammoniak en ethyleen uit als eigenaar, exploitant, bevrachter en internationale leverancier aan petrochemische multinationals. In de jaren 1990 werd EXMAR een dochteronderneming van het beursgenoteerde Compagnie Maritime Belge (CMB) en deed het voor het eerst zijn intrede op de LNG- en Offshore-markten, terwijl het zijn middelgrote LPG-vloot uitbreidde tot 23 schepen en deel uitmaakte van zowel de markt van de semi-drukschepen als die van de Very Large Gas Carriers (VLGC) met gecharterde tonnage en nieuwbouwschepen. In de loop der jaren ontwikkelde de EXMAR Groep zich van een traditionele rederij tot een gespecialiseerde rederij die op maat gemaakte en innovatieve energieoplossingen aanbiedt.

Vandaag speelt EXMAR een centrale rol in de wereldwijde energiewaardeketen.

EXMAR WAARDEKETEN & CARGO

Om de activiteiten van EXMAR en de drijvende krachten achter de markt te analyseren, is het belangrijk om te begrijpen hoe energie wordt opgewekt en ontwikkeld doorheen de waardeketen en hoe ze wordt verbruikt op de markten. In tegenstelling tot droge lading of ruwe olie zijn de vervoerde producten geen ruwe producten maar half- of volledig bewerkte producten. Daarom hebben veel verschillende marktkrachten invloed op de business, elk met zijn eigen inherente complexiteit.

LPG (Vloeibaar Petroleum Gas)

Zoals de infografiek van de LPG-waardeketen laat zien, wordt LPG geproduceerd tijdens olieraffinage of gewonnen uit de verwerking van vloeibaar aardgas. LPG, voornamelijk propaan en butaan, is een restproduct dat voor verschillende doeleinden gebruikt kan worden. Het dient als grondstof in raffinaderijen en de petrochemische industrie en als brandstof voor voertuigen, maar kan ook gerbuikt worden om te voldoen aan landbouwbehoeften zoals het drogen van gewassen of om energiecentrales te voeden, zij het in mindere mate. Aangezien de aardgasproductie wereldwijd blijft groeien, wordt verwacht dat er wereldwijd steeds meer LPG zal geproduceerd en verscheept worden.

NH3 (ammoniak)

Ammoniak wordt voornamelijk gebruikt als basiscomponent bij de productie van minerale meststoffen (ureum, nitraten en NPK), civiele explosieven of caprolactam (voor industriële toepassingen zoals synthetisch textiel en airbags in auto's). Het wordt meestal geproduceerd via het Haber-Bosch-proces, waarbij waterstof met stikstof wordt gecombineerd. Gewoonlijk wordt waterstof gegenereerd via een stoomreformeringsproces, waarbij aardgas als grondstof wordt gebruikt. Om het productieproces koolstofarmer te maken, wordt in sommige productie-installaties technologie voor het afvangen en opslaan van koolstof toegevoegd, waardoor blauwe waterstof ontstaat. Op dezelfde manier is het produceren van koolstofarme waterstof door middel van hydrolyse, met behulp van hernieuwbare zonneof windenergie en zeewater, een hernieuwbare en toekomstgerichte methode om groene waterstof te genereren.

Om de wereldwijde decarbonisatie te ondersteunen, verschuift de aandacht van de wereld steeds meer naar de productie en opslag van ammoniak, gezien het potentieel ervan om industrieën koolstofvrij te maken, als drager van waterstof te dienen en als emissievrije bunkerbrandstof voor schepen te worden gebruikt.

EXMAR vervoert al bijna 40 jaar ammoniak op zijn volledig gekoelde middelgrote gastankers (MGC's) met prismatische tanks.

EXMAR heeft vier nieuwbouwschepen besteld met een capaciteit van 46.000 m³ voor levering vanaf 2026. Alle vier de schepen zullen uitgerust worden met een dualfuel ammoniakmotor. Deze schepen zullen transport met bijna geen CO2 -uitstoot mogelijk maken.

Petrochemische gassen

Petrochemische gassen, die ook worden weergegeven in de infografiek van de LPG-waardeketen, worden geproduceerd aan het einde van de petrochemische cyclus en zijn afkomstig van het opsplitsen via een stoomproces van olie en gas. Deze gassen bestaan voornamelijk uit ethyleen en propyleen, die worden gebruikt om verschillende polymeren en kunststoffen te maken. VCM (Vinylchloride Monomeer) en ruwe C4's worden voornamelijk gebruikt voor de productie van respectievelijk PVC en rubberproducten.

LNG (Vloeibaar Aardgas)

LNG kan worden gedefinieerd als aardgas dat is afgekoeld tot vloeibare vorm, waardoor het bij min 164 graden Celsius is teruggebracht tot een zeshonderdste van zijn oorspronkelijke volume. Aardgas wordt gebruikt om elektriciteit te produceren en dient als industriële grondstof voor meststoffen en een breed scala aan kunststoffen. Het kan ook worden gebruikt voor commerciële of residentiële verwarmingstoepassingen. LNG-tankers zijn ontworpen met speciale isolatie en vormen zo hun eigen LNG-scheepvaartsegment.

13

EXMAR SHIPPING

EXMAR is een toonaangevende rederij en operator gespecialiseerd in het transport van LPG, NH3 , petrochemische gassen en LNG. Deze industriële nichemarkten worden vooral gekenmerkt door gevestigde spelers met een operationele focus op lange termijn, waarin EXMAR zich onderscheidt door zijn engagement op het vlak van innovatie en operationele uitmuntendheid.

De unieke kenmerken van de vervoerde producten vereisen uiterst gesofisticeerde schepen en gespecialiseerde operationele vaardigheden, zowel aan boord van het schip als aan wal. EXMAR heeft expertise en knowhow verworven als scheepsbouwer en is uitgegroeid tot een wereldwijd gerenommeerde eigenaar en operator in de scheepvaart, scheepsbouw en scheepsbeheer voor het vervoer van gasvormige moleculen, met een focus op baanbrekende oplossingen voor de energieketen en maritieme technische innovatie. Dit wordt mogelijk gemaakt dankzij de interne afdelingen gespecialiseerd in het management van schepen en de technische expertise.

De huidige vloot bestaat uit schepen van verschillende grootte, die ofwel volledig eigendom zijn, eigendom in joint venture, of tijdbevrachtingscontract. De schepen omvatten de volgende typen gastankers:

Volledige gekoelde gastankers (MGC, VLGC)

Het grootste deel van de EXMAR vloot bestaat uit volledig gekoelde schepen met prismatische ladingtanks die ontworpen zijn om producten bij lage temperaturen (meestal volledig gekoelde LPG en ammoniak) en onder bijna-atmosferische druk te vervoeren. Dit wordt mogelijk gemaakt door geïnstalleerde koelinstallaties die de efficiëntie van de schepen voor het vervoer over lange vaart garanderen. Om te kunnen profiteren van schaalvoordelen is de capaciteit van deze volledig gekoelde gastankers meestal meer dan 20.000 m³.

Op 31/12/2024 bezit EXMAR 12 middelgrote gastankers in joint venture en heeft het nog eens 5 schepen in tijdbevrachting, allemaal met een capaciteit tussen 35.000 m³ en 39.000 m³.

Om haar vloot uit te breiden, werd een bestelling geplaatst voor 6 nieuwbouw MGC's met een capaciteit van 46.000 m³ waarbij de eerste levering plaats zal vinden in 2025. De eerste 2 zullen een dual-fuel LPG-aandrijving hebben, terwijl de andere 4 zullen worden uitgerust met een ammoniakmotor waarbij de CO2 -uitstoot tijdens het transport bijna nul is. Daarnaast heeft EXMAR zich geëngageerd voor nog eens 6 schepen met een capaciteit van 41.000 m³, die in China bij CIMC zullen worden gebouwd en vanaf eind 2025 zullen worden geleverd, en 6 schepen van 41.000 m³ tot 49.000 m³ met dual-fuel LPG-aandrijving, die zullen worden gecharterd en geleverd vanaf het derde kwartaal in 2026. In totaal zullen de komende drie jaar 16 MGC-schepen aan de EXMAR-vloot worden toegevoegd.

EXMAR bezit momenteel twee ultramoderne VLGC's, aangedreven door LPG, met een capaciteit van 88.000 m³ en heeft één schip in tijdbevrachting met een capaciteit van 83.000 m³.

Gastankers met druktanks

EXMAR bezit 6 drukschepen met een capaciteit van 3.500 m³ tot 5.000 m³. De gebruikelijke ladingen zijn LPG of minder complexe petrochemische gassen die bij bijna omgevingstemperaturen worden vervoerd in cilindrische stalen druktanks die ontworpen zijn om een druk tot 20 bar te weerstaan.

Vervoerde volumes

De expertise van EXMAR bestaat erin gasproducten op een veilige en betrouwbare manier naar klanten over de hele wereld te vervoeren. In 2024 werd 5.681.342 ton (MT) vervoerd, waarvan ongeveer 61% LPG, 31% ammoniak en de rest petrochemische gassen. De helft van de EXMAR MGC vloot wordt gebruikt voor het vervoer van ammoniak.

EXMAR heeft zich geprofileerd als een betrouwbare marktspeler die zich bezighoudt met chang-of-grade activiteiten en met overslag van schip naar schip (STS). De flexibiliteit die deze activiteiten de klanten van EXMAR bieden, is vaak terug te vinden in het middelgrote gassegment, dat het grootste deel van de vloot van EXMAR uitmaakt. Naast de beperkingen van de scheepsgrootte, verplichten haven- of operationele beperkingen eigenaars vaak om ladingen op zee van en naar kleinere schepen over te brengen. Om de overslag van schip naar schip veilig uit te voeren, zorgt EXMAR voor een ervaren bemanning, een zorgvuldige coördinatie en het gebruik van aangepaste uitrusting.

EXMAR INFRASTRUCTURE

EXMAR Infrastructure levert innovatieve drijvende infrastructuuroplossingen aan de energie-industrie, die de volledige cyclus van het project omvatten, gaande van ontwikkelingsstudies, engineering en bouwtoezicht tot leasing/eigendom en exploitatie/onderhoud na oplevering.

De activa van EXMAR Infrastructure zijn drijvende oplossingen voor nearshore en offshore productie, verwerking, opslag of andere ondersteunende diensten in de olie- en gasindustrie.

Een robuuste vloot van drijvende infrastructuur oplossingen

EXMAR Infrastructure bezit en beheert momenteel drie drijvende platformen:

Drijvende LNG-oplossingen

  • FSRU EEMSHAVEN LNG: een drijvende LNG-terminal die geïmporteerd LNG hervergast (capaciteit van 600 mm scf per dag) en aardgas injecteert in de pijpleidinginfrastructuur op het vasteland voor huishoudelijk gebruik, elektriciteitsopwekking en industriële toepassingen. Deze eenheid biedt een snel, flexibel en kostenefficiënt alternatief voor LNG-importterminals aan land en zorgt voor bevoorradingszekerheid waar dat nodig is.
  • FSU EXCALIBUR: een 138.000 m³ LNG-tanker omgebouwd tot drijvende opslaginstallatie, ontworpen voor tijdelijke LNG-opslag en verlading naar LNG-handelsschepen.
  • Drijvende accommodatieplatformen
  • NUNCE: een multifunctioneel accommodatie- en werkplatform met een capaciteit van 350 personen. Uitgerust met verschillende hutgroottes, catering en recreatiefaciliteiten, biedt het essentiële ondersteuning op locatie voor olie- en gasexploratie en productieactiviteiten.

Baanbrekende drijvende LNGoplossingen

EXMAR's toonaangevende expertise in vlottende liquefactie wordt geïllustreerd door het partnerschap met Eni. Onze TANGO FLNG was een van de eerste operationele vlottende eenheden wereldwijd. Vandaag blijft EXMAR zijn technische competentie bewijzen via een exploitatie- en onderhoudscontract ter ondersteuning van Eni's Marine XII-project in Congo. Dit omvat de inzet van zowel de TANGO FLNG als de FSU EXCALIBUR. Onze expertise strekt zich verder uit tot nieuwe ontwikkelingen in de drijvende LNG-sector, wat ons leiderschap in dit domein versterkt.

Engineering expertise

De activiteiten van EXMAR worden verder versterkt door twee gespecialiseerde dochterondernemingen met sterke maritieme en productie-engineeringcapaciteiten:

■ EXMAR Offshore Company (EOC) is een erkend olie- en gasingenieursbedrijf dat in 1997 werd opgericht met meer dan 200 experts, gaande van professionele ingenieurs tot scheepsarchitecten. EOC heeft een eigen rompontwerp OPTI® ontwikkeld voor drijvende olieen gasproductieplatformen in diepwatergebieden zoals de Amerikaanse Golf. Met vier OPTI® productiefaciliteiten geleverd op basis van het OPTI® ontwerp, is EOC een erkende en gerenommeerde leverancier geworden van kosteneffectieve en doelgerichte projectoplossingen op dit gebied.

■ DV Offshore (DVO) is een nicheaannemer van maritieme expertise die sinds 1999 deel uitmaakt van de EXMAR Groep. Het bedrijf levert engineering, audit en technische bijstand aan olie- en gasbedrijven met betrekking tot drijvende terminals, offshore aanmeerinstallaties en onderzeese pijpleidingen.

Uitgebreide projectontwikkeling en -uitvoering

Het implementeren van drijvende olie- en gasinfrastructuur vereist specifieke en uitgebreide inspanningen en tijd voor de ontwikkeling van het project. Elk project heeft specifieke behoeften voor de verwerking van het product, het aanmeren, de opslag en de wettelijke goedkeuringen. De kennis en expertise in de behandeling en opslag van olie en gas, de engineering van aanmeer- en andere maritieme infrastructuur, gecombineerd met de operationele en onderhoudscapaciteiten vormen de unieke toegevoegde waarde die EXMAR zijn klanten biedt.

Door alle ontwikkelingsaspecten voor zijn rekening te nemen, van haalbaarheidsstudies tot eigendom, leasing, installatie, testen en all-in-one exploitatie- en onderhoudsdiensten, biedt EXMAR zijn klanten de zekerheid en het comfort van een snelle, rendabele en risicoloze oplossing voor hun project.

EXMAR DIENSTEN

Naast haar kernactiviteiten heeft EXMAR zakelijke belangen in verschillende bedrijven op het gebied van scheepsbeheer, gespecialiseerde reizen en onderdelen voor de maritieme en offshore-industrie.

EXMAR Shipmanagement is gespecialiseerd in op expertise gebaseerde nichesegmenten zoals het beheer van drijvende opslag-, hervergassings- en liquefactieinfrastructuur op zee, VLGC's, MGC's, drukschepen en offshore accommodatieplatformen.

Travel Plus, een toonaangevend reisbureau gevestigd in Antwerpen, biedt oplossingen op maat voor zaken- en vakantiereizen.

EXMAR Yachting is een full-service specialist in luxe yachting gevestigd in België, die uitgebreide diensten aanbiedt op het gebied van jacht management, chartering, bemanning en makelaardij.

Via deze gediversifieerde activiteiten blijft EXMAR zijn expertise en dienstenaanbod uitbreiden en versterkt het zijn leiderschap in verschillende maritieme en offshore sectoren.

GEACTUALISEERDE VLOOTLIJST

Status op 31/12/2024

MGC – MIDDELGROTE GASTANKERS
Type Capaciteit 100% (m³) Bouwjaar Vlag Status
LIBRAMONT fr Midsize LPG 38,940 2006 MARSHALLEILANDEN time chartered
SOMBEKE fr Midsize LPG 38,902 2006 MARSHALLEILANDEN time chartered
KAPRIJKE fr Midsize LPG 38,837 2015 BELGIË joint venture
KNOKKE fr Midsize LPG 38,853 2016 BELGIË joint venture
KONTICH fr Midsize LPG 38,867 2016 BELGIË joint venture
KORTRIJK fr Midsize LPG 38,880 2016 BELGIË joint venture
KRUIBEKE fr Midsize LPG 38,871 2017 BELGIË joint venture
KALLO fr Midsize LPG 38,850 2017 BELGIË joint venture
KAPELLEN fr Midsize LPG 38,860 2018 BELGIË joint venture
KOKSIJDE fr Midsize LPG 38,849 2018 BELGIË joint venture
WAASMUNSTER fr Midsize LPG 38,498 2014 BELGIË joint venture
WAREGEM fr Midsize LPG 38,442 2014 BELGIË joint venture
WARISOULX fr Midsize LPG 38,480 2015 BELGIË joint venture
WEPION fr Midsize LPG 38,577 2018 BELGIË joint venture
ANTWERPEN fr Midsize LPG 35,223 2005 HONG KONG time chartered
SYLVIE fr Midsize LPG 35,217 2007 HONG KONG time chartered
SEVERIN SCHULTE fr Midsize LPG 38,465 2014 SINGAPORE time chartered
VLGC – ZEER GROTE GASTANKERS
Type Capaciteit 100% (m³) Bouwjaar Vlag Status
BW TOKYO fr VLGC 83,270 2009 SINGAPORE time chartered
FLANDERS PIONEER fr VLGC 87,812 2021 BELGIË eigen bezit
FLANDERS
INNOVATION
fr VLGC 87,809 2021 BELGIË eigen bezit

DRUKSCHEPEN

Type Capaciteit 100% (m³) Bouwjaar Vlag Status
FATIME pr Pressurized 5,018 2010 HONG KONG eigen bezit
ANNE pr Pressurized 3,540 2010 HONG KONG eigen bezit
JOAN pr Pressurized 3,540 2009 BELGIË eigen bezit
MARIANNE pr Pressurized 3,540 2009 BELGIË eigen bezit
ELISABETH pr Pressurized 3,540 2009 BELGIË eigen bezit
ANGELA pr Pressurized 3,540 2010 BELGIË eigen bezit

LNG GASTANKER

Type Capaciteit 100% (m³) Bouwjaar Vlag Status
EXCALIBUR LNG LNG 138,034 2002 BELGIË eigen bezit
DRIJVEND LIQUEFACTIE EN HERVERGASSINGSPLATFORM
Type Capaciteit 100% (m³) Bouwjaar Vlag Status
EEMSHAVEN LNG FSRU FSRU 26,320 2017 BELGIË eigen bezit
DRIJVEND ACCOMMODATIEPLATFORM
Type Capaciteit Bouwjaar Vlag Status
NUNCE Acc Accommodation 350pax 2009 LIBERIA joint venture

2. Activi tei ten verslag

2.1 Shipping 20
2.2 Infrastructure 30
2.3 Diensten 38

EXMAR Shipping is een toonaangevende rederij gespecialiseerd in het transport van LPG, ammoniak en petrochemische gassen. Als grootste eigenaar-operator in het middelgrote segment voor LPG en ammoniak, bouwt EXMAR actief aan duurzame samenwerkingen met vooraanstaande klanten wereldwijd.

31 december 2024 31 december 2023
PROPORTIONELE CONSOLIDATIE - SCHIPPING (IN MILJOENEN USD)
Opbrengsten 142,8 143,8
EBITDA 107,4 82,3
Gecorrigeerde EBITDA 107,4 82,3
Bedrijfsresultaat (EBIT) 56,5 34,3
Segmentresultaat na belastingen 20,8 3,3
Schepen en platformen (eigendom en lease) 471,0 520,7
Financiële schulden 369,1 383,3

MARKTOVERZICHT

2024 werd gekenmerkt door geopolitieke en macroeconomische instabiliteit, met name door de conflicten in Oekraïne en het Midden-Oosten, wat bijdroeg aan de toenemende disruptie op de wereldwijde scheepvaartmarkten. In de gassector bleef de LPG-export uit de VS en het Midden-Oosten groeien, met China en Europa als belangrijkste importeurs. Ondanks de toegenomen productie daalden de vrachttarieven, vooral voor VLGC's, ten opzichte van 2023, wat grotendeels te danken is aan de verbeterde doorvaartmogelijkheden via het Panamakanaal.

De ammoniakmarkt, sterk verbonden met de kunstmestindustrie, werd geconfronteerd met verstoringen in de toeleveringsketen als gevolg van gas- en productieonderbrekingen. Ondanks deze uitdagingen bleven de volumes over het algemeen stabiel, met een lichte toename in de vraag naar tonmijlen. De verwachte definitieve investeringsbeslissingen (FID's) voor nieuwe koolstofarme productiecapaciteit werden uitgesteld, waardoor aanzienlijke nieuwe volumes pas tegen 2030 op de markt worden verwacht.

LPG

Verenigde Staten

De overzeese LPG-export vanuit de VS steeg in 2024 met 10% op jaarbasis tot circa 66 miljoen MT. Daarmee verstevigden de VS hun positie als grootste LPG-exporteur. Ongeveer de helft van dit volume werd geabsorbeerd door het Verre Oosten, gevolgd door Europa als tweede belangrijkste afzetmarkt.

Vanaf het midden van het jaar draaiden de exportterminals nabij Houston op maximale capaciteit, wat leidde tot logistieke problemen. Na recordhoge tarieven in 2023 daalden de vrachttarieven aanzienlijk in 2024 door verminderde congestie in het Panamakanaal en een toename van de beschikbare

vlootcapaciteit, wat tegelijkertijd ook tot meer volatiliteit leidde.

Extra terminalcapaciteit, gepland voor de tweede helft van 2025, kan verdere exportgroei en stabielere vrachttarieven ondersteunen.

LGP EXPORT TERMINALS VS: GEÏNSTALLEERDE DOORVOERCAPACITEIT (DUIZEND VATEN PER DAG)

Bron: Poten, marktbronnen, publiek beschikbare informatie

Europa

De invoering van nieuwe Europese milieuwetgeving vanaf 2024 beïnvloedde de marktdynamiek merkbaar.

Gedurende het jaar was propaan als grondstof voor de petrochemische industrie overwegend aantrekkelijker dan nafta, tot de spread tussen beide in het laatste kwartaal verkleinde.

Door een terugval in het aanbod uit de Noordzee en de gunstige spread ten opzichte van nafta, steeg de import van LPG uit de VS. De invoer werd verder gestimuleerd door sancties tegen Russisch LPG, waardoor importeurs genoodzaakt waren alternatieve bronnen aan te boren. Dit leidde tot een toename van de vraag per ton mijl.

Midden-Oosten

De LPG-export vanuit het Midden-Oosten nam in 2024 met circa 6% toe, inclusief een stijging van bijna 10% uit Iran, tot circa 11 miljoen MT. Deze volumes werden voornamelijk richting China vervoerd, vaak via schepen die zonder de traditionele traceersystemen opereren. Ook Qatar, de Verenigde Arabische Emiraten en Saoedi-Arabië verhoogden hun LPG-product- en exportcapaciteit.

Verre Oosten

Ondanks aanhoudende economische druk in China bleef de arbitrage met de VS open, mede dankzij de ingebruikname van nieuwe PDH-fabrieken (Propane Dehydrogenation). Verschillende bestaande fabrieken opereerden echter onder capaciteit wat leidde tot lagere marges.

Tegen 2026 is extra terminalruimte gepland om de toegenomen invoer van ethaan voor nieuwe ethaan- en mixed-feed stoomkrakers op te vangen. Intussen zal het aantal operationele PDH-fabrieken in 2025 verder stijgen. In 2024 importeerde China bijna 30% van het Amerikaanse LPG, een stijging van 4% j-o-j, waarmee het zijn status als 's werelds grootste LPG-importeur behoudt. Ook India en Zuid-Korea voerden meer LPG in. Een wijziging in het Amerikaanse handelsbeleid kan een impact hebben op de LPG-handelsstromen naar China, zoals in 2019, toen leveringen werden verschoven naar andere regio's, met een neutraal effect op de vraag per ton mijl.

Ammoniak

De aanhoudende oorlog in Oekraïne en de stopzetting van de ammoniakexport uit de Zwarte Zee veroorzaakten aanzienlijke verstoringen in de bevoorrading. Producenten in het Midden-Oosten waren genoodzaakt om een deel van hun volumes om te leiden, wat de vraag per tonmijl verhoogde. In 2024 zorgden conflicten in het Midden-Oosten, waaronder de situatie in Israël en Gaza, voor extra bevoorradingsproblemen. Dit leidde ertoe dat reders de Bab El Mandeb-straat in de Rode Zee vermeden vanwege gerichte aanvallen, wat de vraag en het gebruik van tonmijlen verder opvoerde. De productie van ammoniak in het Midden-Oosten ondervond extra druk door langere reistijden rond de Kaap de Goede Hoop, wat resulteerde in verhoogde kosten om vracht naar de Middellandse Zee of Marokko te wvervoeren.

In Europa bleef de afhankelijkheid van ammoniakimporten uit de VS groot, aangezien de hoge productiekosten de binnenlandse productie belemmerden. Gasbeperkingen en de uitval van fabrieken wereldwijd veroorzaakten een onevenwicht tussen vraag en aanbod, wat leidde tot perioden waarin schepen stillagen.

EUROPESE IMPORT VAN AMMONIAK (MILJOEN TONMIJLEN)

Bron: BRS, Update ammoniakmarkt januari 2025

Ammoniak speelt traditioneel een cruciale rol in de kunstmestproductie en diverse chemische processen. Met zijn koolstofvrije eigenschappen is ammoniak bovendien goed gepositioneerd om een belangrijke rol te spelen in de verduurzaming van industrieën en de scheepvaart, mits geproduceerd met een lage koolstofvoetafdruk.

Wereldwijd zijn er meer dan 400 koolstofarme productieprojecten gepland, maar slechts een paar daarvan hebben een FID ontvangen of zijn daadwerkelijk begonnen met de bouw. Koolstofarme ammoniak kan worden geproduceerd via aardgas met koolstofopvang/opslag (blauwe ammoniak) of hernieuwbare energie en elektrolyzers (groene ammoniak). In de VS ligt de nadruk op blauwe

ammoniakprojecten, waarbij gebruik wordt gemaakt van goedkoop aardgas, steun van de Inflation Reduction Act (IRA) en een bestaand CO₂-pijpleidingennetwerk. Groene ammoniakprojecten zijn geconcentreerd in regio's met overvloedige zonne- of windenergie. Ondanks het feit dat blauwe ammoniak aanzienlijk goedkoper is dan groene, blijven FID's een uitdaging vanwege de lage koolstofprijzen en de behoefte aan aanvaardbare certificering als groen product.

Het ontbreken van een wereldwijd certificeringssysteem vormt een belemmering voor de ontwikkeling van koolstofarme markten en het bevorderen van FID's. Geopolitieke veranderingen kunnen bovendien de handel in ammoniak beïnvloeden en de ontwikkeling van koolstofarme producten vertragen.

ONTWIKKELINGEN IN DE REGELGEVING

De Internationale Maritieme Organisatie (IMO) introduceerde begin 2023 de Energy Efficiency Existing Ship Index (EEXI) en de Carbon Intensity Indicator (CII). Deze nieuwe regels zijn bedoeld om de CO₂-uitstoot van schepen te reduceren, waarbij EEXI schepen dwingt hun snelheid te verlagen om te voldoen aan emissiedrempels, en CII de CO₂-uitstoot van schepen meet ten opzichte van hun handelsactiviteiten.

In 2024 werd het Europese Emissiehandelssysteem (ETS) geïntroduceerd, en in 2025 gaat de FuelEU Maritime Regulation van start. Het doel van het ETS is de koolstofvoetafdruk van de scheepvaart te verminderen door rederijen aan te moedigen in emissiearme en emissievrije scheepvaartoplossingen te investeren. EXMAR heeft hierop gereageerd door schepen te bestellen die varen op ammoniak en LPG. Het ETS is van toepassing op schepen die van of naar Europa varen en op intra-Europese routes. Andere regio's kunnen soortgelijke regelgeving invoeren totdat de IMO een wereldwijde emissieheffing introduceert.

Het ETS koppelt de verbruikte brandstof aan specifieke CO₂-uitstoot, die moet worden gecompenseerd door de aankoop van EU-emissierechten (EUA's). De opbrengsten van deze emissierechten worden opnieuw geïnvesteerd in projecten die gericht zijn op het verminderen of elimineren van CO₂-uitstoot.

EXMAR's ammoniak- en LPG-schepen zijn goed gepositioneerd om bij te dragen aan de vermindering van de uitstoot in de scheepvaart en ondersteunen de ontwikkeling van schone scheepvaartcorridors. Ammoniak biedt, vanuit een tank-to-wake-perspectief, momenteel de laagste koolstofvoetafdruk van de beschikbare scheepsbrandstofopties.

Zeer grote gastankers (VLGC)

In 2024 daalden de vrachttarieven voor VLGC's aanzienlijk, met een daling van meer dan 50% ten opzichte van het begin van het jaar. Het tijdcharterequivalent voor een spotreis van de Arabische Golf naar Japan kelderde van bijna USD 2 miljoen per maand tot ongeveer USD 750.000 in de tweede helft van het jaar, met een gemiddelde van USD 1,2 miljoen per maand in 2024. .

Terwijl de LPG-export uit de VS in 2024 toenam, bleef de terminalbezetting in de Amerikaanse Golf hoog, wat resulteerde in hogere terminaltarieven en lagere marges voor reders. Ongeplande onderbrekingen en ongunstige weersomstandigheden, waaronder orkanen, verstoorden de bevoorradingsketens en zorgden ervoor dat schepen langer stillagen.

De congestie in het Panamakanaal, die in 2023 een aanzienlijk probleem was, verminderde in 2024, wat de wachttijden en tarieven verlaagde en de efficiëntie van de vloot verbeterde.

Ondanks de aanzienlijke orderportefeuille voor VLGC's tot 2028, blijven de scheepsleveringen voor 2025 en 2026 beperkt. Met de verwachte toename van de Amerikaanse productie en terminalcapaciteit blijven de vooruitzichten voor de komende jaren positief.

Het is ook te verwachten dat een oplossing voor conflicten in het Midden-Oosten en de heropening van handelsroutes in de Rode Zee slechts minimale impact zullen hebben op het gebruik van VLGC's.

Ongeveer 50% van het VLGC-bestelboek bestaat uit schepen die ontworpen zijn om volledige ammoniakvrachten te vervoeren. Deze schepen zullen naar verwachting op korte termijn LPG blijven vervoeren, aangezien het vervoer van ammoniak op VLGC's beperkt zal blijven tot de nieuwe productie naar verwachting pas aan het einde van dit decennium in volume zal toenemen.

EXMAR bezit twee VLGC's van 88.000 m³ met LPG als brandstof, FLANDERS INNOVATION en FLANDERS PIONEER, die beide zijn ingehuurd onder lange termijn tijdbevrachtingsovereenkomsten met Equinor ASA (Noorwegen). Deze schepen waren de eerste bestelde VLGC's met dual-fuel hoofdmotoren die op LPG kunnen werken, met asgeneratoren wat bijdraagt aan een significante vermindering van CO₂-uitstoot. Bovendien presteerde de door EXMAR gecontroleerde BW TOKYO goed in de BW VLGC-pool in 2024, met stabiele opbrengsten, zij het minder dan het piekjaar 2023.

NIEUWBOUWCONTRACTEN VLGC-VLOOT

VERANDERING IN VRACHTVOLUME 2024 VS 2023

Middelgrote gastankers (MGC)

In tegenstelling tot de VLGC-markt bleef de MGC-vrachtmarkt sterk tot het vierde kwartaal van 2024, met vaste vrachttarieven. Spot- en termijncontracten voor moderne tonnage overschreden USD 1 miljoen per maand. Tegen het einde van het jaar leidde de toenemende druk op de vrachttarieven echter tot herlevering van schepen door bevrachters, wat resulteerde in dalende spotvrachttarieven en perioden waarin schepen stillagen.

Ongeveer twee derde van de wereldwijde MGC-vloot (35.000-40.000 m³) is momenteel bestemd voor LPG-transport, terwijl de rest ammoniak vervoert. Het wordt verwacht dat deze balans zal verschuiven naarmate meer koolstofarme ammoniakprojecten operationeel worden.

De orderportefeuille voor MGC omvat meer dan 60 nieuwe, grotere en efficiëntere schepen, wat ongeveer 46% van de bestaande vloot vertegenwoordigt. Deze nieuwbouwschepen zullen voornamelijk de groeiende LPG-handel bedienen of oudere schepen vervangen. Zodra de FID's voor koolstofarme ammoniakprojecten binnen zijn, zullen MGC's de belangrijkste transporteurs van ammoniak

blijven, of het nu voor kunstmesttoepassingen of als waterstoftanker en bunkerbrandstof voor de toekomst.

De meeste MGC-nieuwbouwschepen hebben een dual-fuel LPG-aandrijving en kunnen zowel LPG- als ammoniakvrachten vervoeren. In 2024 was de helft van de middelgrote vloot van EXMAR bestemd voor ammoniak en verwacht wordt dat dit in 2025 zo zal blijven.

EXMAR's ambitieuze MGCvlootvernieuwingsprogramma

EXMAR's vlootvernieuwingsprogramma voor de middelgrote gastankers (MGC) omvat de bouw van 16 nieuwe schepen, waarvan de eerste twee – de CHAMPAGNY en COURCHEVEL, elk met een capaciteit van 46.000 m³ en LPG-voortstuwing – in de eerste helft van 2025 worden opgeleverd. Dit markeert het begin van een meerjarige strategie om de middelgrote vloot te vernieuwen, waarbij de nieuwe schepen oudere tonnage zullen vervangen. Het doel van deze vernieuwing is de operationele efficiëntie te verbeteren en de CO₂-uitstoot te reduceren.

Daarnaast bouwt EXMAR 4 dual-fuel ammoniakschepen met een capaciteit van 46.000 m³, die in 2026 worden opgeleverd. Deze schepen bieden de flexibiliteit om ammoniak als bunkerbrandstof te gebruiken, wat de CO₂-uitstoot tijdens de exploitatie met 95% kan verminderen. Bij productie met behulp van koolstofvastlegging of hernieuwbare energiebronnen kunnen deze schepen bijdragen aan de ontwikkeling van wereldwijde groene scheepvaartroutes en duurzame energieleveringsketens.

Daarnaast bouwt EXMAR 4 middelgrote LPG-schepen met een capaciteit van 41.000 m³ en heeft het zich geëngageerd om 6 nieuwbouwschepen van 41.000

tot 49.000 m³ op lange termijn te charteren bij een strategische partner.

Hoewel de tweedehandsmarkt voor MGC's minder actief was dan in 2023, bleef de waarde van de activa hoog en werden er geen schepen gerecycleerd. In juni 2024 verkocht EXMAR de WARINSART (2014) en charterde het schip vervolgens terug van zijn nieuwe eigenaars, die het omdoopten tot SEVERIN SCHULTE. Tegen 2027 verwacht EXMAR een gediversifieerde vloot van 27 MGC's te exploiteren, waarmee het in staat zal zijn om een breed scala aan klanten en ladingen te bedienen..

Drukschepen

In Europa begon 2024 met een gestage vraag naar drukschepen. Halverwege het jaar oversteeg de vraag de beschikbare tonnage, wat leidde tot stijgende tarieven, voordat er een seizoensgebonden daling optrad. Onderhoudswerkzaamheden aan verschillende productiefaciliteiten zorgden voor een verhoogde beschikbaarheid van schepen, maar tegen het einde van het jaar herstelden de vrachttarieven zich. Over het algemeen bleef de markt voor gas onder druk stabiel, mede door de EU-sancties tegen Russisch LPG.

Aan de andere kant bleef de vraag in het oosten zwak, wat leidde tot een overaanbod van schepen en stagnatie van de tarieven gedurende het jaar.

2.1 Shipping

De orderportefeuille voor dit segment blijft beperkt, waardoor de Europese tarieven naar verwachting stabiel zullen blijven, met seizoensgebonden schommelingen. Oudere tonnage wordt geleidelijk uit de vaart genomen en sommige schepen zullen milieuheffingen moeten betalen in het kader van het ETS, waardoor ze commercieel minder levensvatbaar worden. De sector wacht op moderne vervangende tonnage, hoewel het nog enkele jaren kan duren voor nieuwbouwschepen in de vaart komen.

EXMAR beheert momenteel een vloot van 6 drukschepen en heeft plannen aangekondigd om 2 bijkomende schepen te charteren, elk met een capaciteit van 7.500 m³. De oplevering van deze schepen is gepland in 2027 en 2028, en markeert het begin van EXMAR's initiatief om de vloot voor dit segment te vernieuwen.

Duurzaam leiderschap in middelgrote gastankers

Het MGC-segment vormt al lange tijd de basis van de scheepvaartvloot van EXMAR en blijft een centrale rol vervullen in onze activiteiten. Ons leiderschap in deze sector en onze toewijding aan toekomstige groei worden weerspiegeld in onze huidige vloot van 17 operationele schepen en onze investering in 16 nieuwbouwschepen.

Onze vloot is ontworpen met het oog op veelzijdigheid en biedt een breed scala aan afmetingen en mogelijkheden, wat ons in staat stelt om zowel in te spelen op de veranderende behoeften van onze bestaande klanten als nieuwe zakelijke kansen te benutten.

28

UITBREIDING VAN DE VLOOT

EXMAR's volgende generatie MGC's in aanbouw

EXMAR overziet momenteel de bouw van zes MGC's, elk met een capaciteit van 46.000 m³, in HD Hyundai Mipo in Zuid-Korea. Deze vlaggenschepen vertegenwoordigen de volgende generatie van grotere, efficiëntere MGC's en versterken de toewijding van EXMAR op het vlak van innovatie en vooruitgang.

Twee van de schepen, waaronder de onlangs opgeleverde CHAMPAGNY, worden aangedreven door LPG-motoren die voor twee brandstoffen geschikt zijn, wat de brandstofflexibiliteit vergroot en tegelijkertijd de uitstoot vermindert.

De overige vier schepen zullen uitgerust worden met de allernieuwste dual-fuel ammoniakmotoren, waarmee EXMAR een pioniersrol vervult in de maritieme sector. Als de eerste gastankers ter wereld met ammoniakaandrijving, zullen deze schepen naar verwachting de koolstofuitstoot tijdens het varen met 95% verminderen. De oplevering van deze schepen wordt verwacht begin 2026.

Uitbreiding van het EXMAR nieuwbouwtraject

Om onze MGC-vloot verder te versterken, heeft EXMAR een nieuwbouwcontract afgesloten met CIMC voor de levering van vier bijkomende schepen van 41.000 m³ tussen 2025 en 2026. Deze toevoeging zal de diversiteit van onze vloot vergroten, waardoor we nieuwe commerciële kansen kunnen aangrijpen en zowel bestaande als nieuwe klanten nog beter van dienst kunnen zijn.

Nieuwbouwschepen gecharterd op lange termijn

Naast de schepen in eigendom, heeft EXMAR zich geëngageerd om zes dual-fuel LPG MGC's te charteren die in aanbouw zijn bij YAMIC in China. Deze schepen omvatten:

  • Vier LPG-tankers van 41.000 m³, geschikt voor twee brandstoffen
  • Twee LPG-tankers van 49.000 m³ met dual-fuel technologie, die dienen als ideale vervangers voor de huidige vloot van grote gastankers (LGC)

De oplevering van deze schepen is gepland tussen eind 2025 en eind 2027. Ze zullen onze capaciteit vergroten en ons in staat stellen om beter in te spelen op de uiteenlopende eisen van onze klanten, terwijl de veelzijdigheid van onze vloot verder wordt versterkt.

VOORUITSTREVENDE TECHNOLOGIE EN KLANTENSERVICE

EXMAR blijft toonaangevend in de sector door grotere en efficiëntere schepen te ontwikkelen die de operationele kosten verlagen en de ecologische impact verminderen. Ons streven naar innovatie leidt tot de toepassing van schonere technologieën, zodat we kunnen voldoen aan de evoluerende regelgeving.

Alle nieuwbouwschepen, in eigendom of gecharterd, zullen worden uitgerust met geavanceerde dual-fuel motoren en asgeneratoren. Deze technologieën zorgen voor:

  • Verbeterde brandstofefficiëntie
  • Een kleinere ecologische voetafdruk
  • Grotere operationele flexibiliteit

Met een breed scala aan scheepsgroottes en -capaciteiten is EXMAR uitstekend gepositioneerd om op maat gemaakte oplossingen te bieden die voldoen aan de specifieke behoeften van onze klanten.

Dit alles bevestigt ons voortdurende streven naar duurzaamheid, operationele uitmuntendheid en het behoud van ons leiderschap in de MGC-markt.

29

EXMAR Infrastructure levert innovatieve oplossingen voor drijvende infrastructuur aan de energie-industrie, die de volledige levenscyclus van het project omvatten, gaande van ontwikkelingsstudies, engineering en bouwtoezicht tot leasing/eigendom en exploitatie & onderhoud na oplevering.

31 december 2024 31 december 2023
PROPORTIONELE CONSOLIDATIE - INFRASTRUCTURE (IN MILJOENEN USD)
Opbrengsten 212,2 374,7
EBITDA 143,6 75,7
Gecorrigeerde EBITDA 65,6 75,7
Bedrijfsresultaat (EBIT) 128,7 66,6
Segmentresultaat na belastingen 121,5 56,1
Schepen en platformen (eigendom en lease) 192,4 203,2
Financiële schulden 182,2 97,0

MARKTVOORUITZICHTEN VOOR DRIJVENDE OLIE- & GASINFRASTRUCTUUR

Sinds 2022 hebben verschillende ontwikkelingen de wereldwijde energiemarkt beïnvloed.

Overheden en olie- en gasbedrijven spannen zich in om de wereldwijd toenemende vraag naar energie te balanceren met het koolstofvrij maken en verkleinen van de ecologische voetafdruk. Omdat aardgas de schoonste fossiele brandstof op de markt is, heeft het een sterk potentieel om de komende decennia een dominante energiebron te blijven. Het wordt beschouwd als het minst vervuilende alternatief dat in overvloed beschikbaar is om steenkool en olie te vervangen.

Om dit doel te realiseren kijken olie- en gasbedrijven voortdurend naar de valorisatie van gasreserves uit bestaande en nieuwe velden.

Verder in de LNG-aanvoerketen is er behoefte aan bijkomende LNG-invoercapaciteit om aan de extra vraag te voldoen en bijgevolg hebben verschillende landen geïnvesteerd in infrastructuur om de aanvoer via pijpleidingen te verhogen. Naar aanleiding van de geopolitieke ontwikkelingen is het besef van het belang van energievoorzieningszekerheid alleen maar toegenomen.

Drijvende infrastructuur biedt een oplossing die snel en kosten efficiënt kan geïmplementeerd worden in de energiewaardeketens.

Als één van de pioniers op het vlak van drijvende hervergassing en vloeibaarmaking heeft EXMAR met verschillende bedrijven samengewerkt voor de aanwending van innovatieve maritieme infrastructuuractiva, die efficiënte en competitieve oplossingen bieden.

Een bijzonder succesvol voorbeeld is de LNG-liquefactieen exportinstallatie die EXMAR samen met Eni Congo heeft ontwikkeld. Met deze LNG-installatie voor de kust van Congo-Brazzaville benut Eni de beschikbare gasvoorraden uit bestaande productievelden om te voldoen aan de toenemende energiebehoeften van Congo-Brazzaville maar ook voor exportdoeleinden, waarbij de intentie om zo weinig mogelijk gas af te fakkelen, wordt bereikt.

De LNG-terminal in Eemshaven, waar de FSRU van EXMAR sinds 2023 wordt ingezet, is een tweede voorbeeld van de toepasbaarheid van drijvende LNG-infrastructuur.

De ingenieursbureaus van EXMAR in Houston en Parijs vullen deze activiteiten aan met gespecialiseerde offshore-engineering en consultancy voor zowel externe klanten als interne projecten.

DRIJVENDE LIQUEFACTIE EN OPSLAG

EXMAR is de partner van Eni voor hun

LNG-exportproject voor de kust van Congo-Brazzaville. Deze LNG-installatie, bestaande uit de TANGO FLNG en de FSU EXCALIBUR, werd in 2023 in een recordtempo in operatie gebracht. Alle afdelingen van EXMAR waren betrokken bij dit omvangrijke en complexe project, gekenmerkt door een unieke afmeertechnologie die de twee offshore-eenheden perfect in balans houdt en een veilige LNG-overbrenging van platformen naar opslagtanks garandeert.

TANGO FLNG is een drijvende LNG-terminal die aardgas vloeibaar maakt tot LNG dat vervolgens wordt overgeladen in LNG-tankers die langszij komen liggen voor export naar LNG-importerende landen. De eenheid, die oorspronkelijk werd ontwikkeld voor de export van gestrande gasreserves in Zuid-Amerika, is in 2022 overgenomen door Eni en wordt gebruikt als LNG-verwerkingsfaciliteit voor de kust van Congo-Brazzaville.

EXMAR's LNG-tanker EXCALIBUR werd toegevoegd aan hetzelfde Eni-project als drijvende LNG-opslagunit (FSU) via een charter van 10 jaar.

Terwijl EXMAR zich in 2023 concentreerde op de engineering, aankoop en conversie (EPC) van TANGO FLNG en EXCALIBUR in Congo-Brazzaville, zijn de activiteiten en opbrengsten in 2024 verschoven naar de inbedrijfstelling en exploitatie, met lagere kosten en opbrengsten.

Na de voorlopige oplevering in februari 2024 is er al 700.000 m³ LNG gelost en geëxporteerd vanuit de installatie doorheen het jaar, wat wijst op een effectieve prestatie van de unit. USD 78 miljoen van de waarde van de aandelenkoopovereenkomst van TANGO FLNG, die afhankelijk is van de werkelijke prestaties, wordt daarom beschouwd als volledig verworven in het resultaat van het segment in 2024.

In dezelfde context heeft EXCALIBUR stabiele opbrengsten gegenereerd in 2024 met 100% uptime.

Naast bovenstaande projecten die boven verwachting presteren, werkt EXMAR aan de ontwikkeling van andere drijvende liquefactieprojecten (variërend van 0,5 tot 5 MTPA), drijvende hervergassingsprojecten en opslaginitiatieven.

DRIJVENDE HERVERGASSING

De EEMSHAVEN LNG, het hervergassingsplatform met een capaciteit van 600 mmscfd dat EXMAR momenteel in portefeuille heeft, is nu twee jaar operationeel als LNG-invoerinstallatie in Eemshaven in het noorden van Nederland. De installatie heeft een hervergassingscapaciteit van 8 miljard kubieke meter aardgas per jaar, wat overeenkomt met 25% van de Nederlandse vraag.

Dankzij meer dan 15 jaar aan ervaring met drijvende LNG-hervergassingsinstallaties is een uptime van 100% gerealiseerd, wat zeer gewaardeerd wordt door de klant.

Aan het begin van het contract werd het platform aangepast voor het gebruik van walstroom en warmte voor het hervergassingsproces. Door deze aanpassingen is in 2024 een besparing van 4.600 MT aardgas gerealiseerd, wat EEMSHAVEN LNG positioneert als één van de meest duurzame FSRU-terminals wereldwijd.

De klant, een 50/50 joint venture tussen Gasunie en VOPAK, heeft zijn voornemen bevestigd om een significante bijdrage te blijven leveren aan een veilige energievoorziening in Europa. Ze hebben tevens de intentie uitgesproken om de activiteiten in Eemshaven uit te breiden tot na 2027 en onderzoeken hoe de terminal kan worden gebruikt voor het afvangen en transporteren van waterstof en/of koolstof.

Naast bovenstaande projecten ontwikkelt EXMAR momenteel andere FSRU-projecten die in verschillende stadia van besluitvorming en vooruitgang zitten.

ENGINEERING

EXMAR Offshore Company (EOC) in Houston is een maritiem engineeringbedrijf dat in 1997 werd opgericht en zeer actief is in de levering van engineeringdiensten voor rekening van derden. Het kan rekenen op meer dan 200 experts, gaande van concept engineering tot projectuitvoering en asset lifecycle upgrading. De engineering- en projectgerelateerde diensten zijn vooral bekend vanwege het gepatenteerde OPTI® rompontwerp en zijn zeer gewild voor projecten met drijvende olie- en gasproductie-installaties in diepe wateren. Het gestandaardiseerde maar zeer aanpasbare ontwerp wordt onder licentie aangeboden en is met succes geïmplementeerd op verschillende projecten in de Amerikaanse Golf.

De vierde OPTI®-romp voor de drijvende productiefaciliteit Shenandoah is voltooid en zal worden geïnstalleerd voor de productiestart in 2025 in de Amerikaanse Golf.

Een hoogtepunt in 2024 was de selectie en toekenning van het contract voor het ontwerp van een nieuwe romp, dek en afmeersysteem voor de drijvende productiefaciliteit voor BP's Kaskida-ontwikkeling in de Amerikaanse Golf. Het gebruik van het gepatenteerde OPTI®-rompontwerp voor Kaskida is de vijfde keer dat dit rompontwerp zal worden gebruikt en bewijst daarmee de acceptatie voor toepassing in diepwaterontwikkelingen bij een breed spectrum van klanten.

De opbrengsten in 2024 waren sterk bij hoge bezettingsgraden als gevolg van een recordaantal grote investeringsprojecten. Deze omvatten werk aan drie OPTI® gebaseerde en twee andere half onderdompelbare ontwerpen.

DV Offshore in Parijs is een nicheleverancier van maritieme expertise die in 1999 toetrad tot de EXMAR Groep. Het bedrijf levert op consultancybasis engineeringdiensten, assisteert bij audits en levert technische ondersteuning voor drijvende terminals, offshore aanmeerinstallaties en onderwaterpijpen aan olie- en gasbedrijven.

Beide bedrijven worden steeds belangrijker voor de ontwikkeling van de nieuwe drijvende infrastructuurprojecten waar EXMAR aan werkt.

ACCOMMODATIEPLATFORMEN

De verlenging van het gebruik van het accommodatieen werkplatform NUNCE tot januari 2027 onderstreept de reputatie van EXMAR als strategische partner voor Sonangol in Angola.

In maart 2024 werd het accommodatie- en werkplatform WARIBOKO verkocht aan de Adnoc-groep.

NIEUWE KANSEN CREËREN

De implementatie van drijvende infrastructuurprojecten vereist uitgebreide projectontwikkeling op maat. Elk project heeft zijn eigen specifieke behoeften met betrekking tot productverwerking, afmeren, opslag en heeft land- en/of regiospecifieke wettelijke vereisten.

De aanwezigheid bij EXMAR van zeer ervaren professionals in olie- en gasbehandeling, transport en opslag, engineering, en exploitatie en onderhoud van drijvende maritieme infrastructuur, zijn een stuwende kracht voor samenwerkingen met externe partners en zetten potentiële projecten om in haalbaarheidsstudies, investeringsbeslissingen en, uiteindelijk, veilige, efficiënte en succesvolle projecten.

In nauwe samenwerking met alle bedrijfsafdelingen en filialen wil EXMAR Infrastructure uitgroeien tot een one-stop shop voor nieuwe en innovatieve productie-, opslag- en verzendingsoplossingen voor de olie- & gasmarkt, die beantwoorden aan de ambitieuze doelstellingen van de klanten: decarbonisatie, verbeterde procesefficiëntie, emissiereductie en/of recyclage en opwaardering van bestaande activa.

Daarnaast blijft EXMAR drijvende oplossingen beheren en ontwikkelen voor de opslag van ammoniak, injectie, opslag, verscheping van vloeibare CO2 en ondersteuning voor de toeleveringsketen van e-methanol en e-methaan.

Innoveren Ontwerpen Transformeren

Een toonbeeld van innovatie in technologie van de volgende generatie.

Innovatie is de motor van vooruitgang en aan de basis van elke doorbraak ligt een gedurfde techniek en een visionair ontwerp. "Innoveer. Ontwerp. Transformeer." staat voor de baanbrekende ontwikkelingen die de toekomst van onze industrie vormgeven. Onze ingenieurs brengen geavanceerde technische oplossingen naar voor die nieuwe mogelijkheden definiëren en grenzen verleggen op het gebied van efficiëntie, duurzaamheid en prestaties. Van concept tot realiteit ondersteunen we baanbrekende projecten die creativiteit combineren met technische uitmuntendheid. Onze samenwerking met BP in de Amerikaanse Golf en de grote opkomst en uitermate positieve feedback op onze stand op de Gastech Conference tonen onze toewijding aan dit eeuwig durende transformatieproces.

EXMAR EN BP IN DE AMERIKAANSE GOLF

EOC, de dochteronderneming van EXMAR NV, heeft het vijfde contract binnengehaald voor het ontwerp en de ontwikkeling van de romp, het dek en het afmeersysteem voor een nieuwe drijvende productiefaciliteit voor het Kaskida offshore-veld in de Amerikaanse Golf.

Het Kaskida offshore-veld werd voor het eerst ontdekt in 2006 en is 100% eigendom van en wordt geëxploiteerd door de Britse oliemaatschappij BP. Het ligt ongeveer 250 mijl ten zuidoosten van Houston in de Paleogene formatie. Naar verluidt bevat het veld tot wel 10 miljard vaten olie. De drijvende productiefaciliteit van Kaskida zal een installatie zijn voor 80.000 vaten per dag en zal de eerste zijn van mogelijk meerdere productiefaciliteiten in dit veld.

In 2023 is EOC samen met BP begonnen aan het voorontwerp en in juni 2024 heeft BP de definitieve investeringsbeslissing aangekondigd. De romp van het productieplatform zal worden ontworpen en gebouwd door EXMAR Offshore en Seatrium is geselecteerd als EPC-aannemer. Het nieuwe platform zal gebaseerd zijn op het OPTI®-rompontwerp van EXMAR.

De selectie van EOC's OPTI®-ontwerp is een belangrijke mijlpaal voor EXMAR en een duidelijke uiting van het vertrouwen van BP in de ontwerp- en uitvoeringscapaciteiten van EOC. Carl-Antoine Saverys, CEO van EXMAR, verklaarde: "EXMAR is verheugd door BP geselecteerd te zijn voor hun Kaskida-ontwikkeling en kijkt uit naar een opwindend nieuw project in de Amerikaanse Golf. Dit project is een bevestiging van de erkenning van de industrie voor de innovatieve ingenieursdiensten die EOC al vele jaren levert".

Met de toekenning van de Kaskida FPS is het nu al de vijfde keer dat het gepatenteerde OPTI®-rompontwerp van EOC gebruikt zal worden. Dit ontwerp heeft zijn kwaliteiten al bewezen in de efficiëntie van het ontwerp en de uitvoering ervan met rompafmetingen en laadvermogens die een breed spectrum dekken. Het gepatenteerde OPTI®-ontwerp van EXMAR is een Standardized Design for Floating Production Flexible-romp voor de meest gebruikte halfafzinkbare productieschepen van het voorbije decennium. Het ontwerp heeft zijn succes al bewezen met vier geïnstalleerde projecten waarbij ongeëvenaarde kosten- en tijdefficiënties gerealiseerd zijn en is marktleider in de Amerikaanse Golf met bijna de helft van alle geïnstalleerde ontwerpen in dit gebied tussen 2010 en 2025, met uitzondering van de nieteigendomsontwerpen waarvoor EOC werd geselecteerd.

EOC is zeer actief in het leveren van ingenieursdiensten namens derden in de olie- en gasindustrie. Het kan rekenen op meer dan 200 experts, van ingenieurs tot scheepsarchitecten, en sinds 15 jaar heeft EOC een gepatenteerd OPTI®-rompontwerp voor drijvende olieen gasproductiesystemen in diepwatergebieden. Het ontwerp is in hoge mate aanpasbaar, wat betekent dat productiesystemen op basis van dit ontwerp flexibel kunnen worden ingezet in diepwatervelden, zoals de Amerikaanse Golf. EOC heeft verschillende contracten ondersteund voor de ontwikkeling en implementatie van verschillende diepwater offshore ontwikkelingen voor hoog aangeschreven klanten, waaronder Llog, Murphy, Beacon, Woodside en nu BP.

EOC's team van ingenieurs, projectmanagers en bouwteams heeft een cultuur van innovatie, praktisch probleemoplossend denken en efficiënt tijdsmanagement, wat resulteert in kortere doorlooptijden van de projecten.

De toekenning van de Kaskida is een mijlpaal, die EOC naar een volgend niveau brengt en mag gezien worden als een erkenning van de vaardigheden op het gebied van engineering en projectmanagement. Daarenboven bestaat er ook de mogelijkheid om een extra productiefaciliteit voor Tiber te ontwikkelen, ook in de Paleogene formatie. De aanpak van BP voor de ontwikkeling van Tiber maakt niet alleen gebruik van het OPTI®-rompontwerp voor Kaskida, maar profiteert ook van de efficiënte inzet van EOC's bewezen middelen en doelgerichte aanpak.

Algemeen gezien blijft de Amerikaanse Golf een belangrijke bron van olie- en gasproductie, maar met kleinere reservoirs, bijkomende technische uitdagingen en toenemende regelgeving. In een markt die heropleeft zijn het OPTI®-ontwerp en de kwalitatieve dienstverlening van EXMAR succesfactoren om nieuwe projecten in de komende 3 tot 5 jaar binnen te halen, met daarbij ook de nieuwe diepwatermarkt voor de kust van Mexico.

EXMAR OP GASTECH

In 2024 vond Gastech plaats in Houston. Als één van de grootste evenementen in de gas- en energiesector met meer dan 45.000 deelnemers uit 156 landen, was het voor EXMAR de ideale gelegenheid om voor het eerst in jaren een stand op te zetten en zich in de schijnwerpers te plaatsen.

Toonbeeld van transformatie

Op Gastech toonde EXMAR met trots al zijn innovatieve oplossingen (FLNG, FSRU, FPU en scheepvaartoplossingen), wat onze positie als leider in de maritieme en energie-industrie bevestigt. Omdat de energiesector zich continu blijft ontwikkelen, bieden evenementen zoals Gastech een ideaal platform voor het bouwen van nieuwe relaties en het stimuleren van

groei. Het thema van dit jaar, "Transforming energy through vision, innovation, and action", onderstreepte het engagement van het gerenommeerde evenement om de uitdagingen en opportuniteiten van de energiesector aan te pakken. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de "winkel" van EXMAR momenteel uitverkocht is, waarbij alle Infrastructure activa geplaatst zijn en het Shipping-segment druk bezig is met de uitbouw van zijn vernieuwde vloot.

Multidisciplinaire oplossingen

De stand trok de aandacht van diverse belanghebbenden en bood kansen om rechtstreeks in contact te treden met bestaande en potentiële nieuwe relaties. EXMAR was aanwezig met vertegenwoordigers van verschillende afdelingen. Deze diversiteit aan

expertise hielp bij het beantwoorden van een breed spectrum aan vragen en opportuniteiten.

Het succes van het evenement kan worden afgemeten aan het aantal ontmoetingen tijdens Gastech: het EXMAR-team nam deel aan meer dan 170 doelgerichte ontmoetingen (waarvan een groot aantal met besluitvormers uit de sector), wat een bewijs is van de grote belangstelling voor onze oplossingen. Van verkennende gesprekken tot potentiële samenwerkingen, waren deze ontmoetingen vooral een bevestiging van de relevantie van het uitgebreide aanbod van EXMAR in een steeds dynamischer en duurzamer energielandschap. We kijken ernaar uit om voort te bouwen op het momentum dat in Houston werd gecreëerd.

EXMAR speelt een sleutelrol in de energiewaardeketen. Als internationale groep levert het ondersteunende diensten aan een brede waaier van klanten. Via zijn geïntegreerde operationele organisatie levert EXMAR Shipmanagement management- en operationele diensten voor schepen en offshore-installaties, inclusief bemanningsbeheer. Travel Plus is een onafhankelijke specialist in de organisatie van bemanningsverplaatsingen, zakenreizen en luxueuze vakanties. En EXMAR Yachting beheert een vloot van luxe motorjachten, zeiljachten en catamarans, uitsluitend in België.

31 december 2024 31 december 2023
PROPORTIONELE CONSOLIDATIE - DIENSTEN (IN MILJOENEN USD)
Opbrengsten 90,2 71,1
EBITDA 22,8 -3,6
Gecorrigeerde EBITDA 2,2 -3,6
Bedrijfsresultaat (EBIT) 21,2 -6,1
Segmentresultaat na belastingen 38,7 12,7
Financiële schulden 2,8 13,6

EXMAR SHIPMANAGEMENT

EXMAR Shipmanagement biedt hoogkwalitatief scheepsbeheer en aanverwante diensten aan eigenaars van drijvende energie-installaties en scheepseigenaars die actief zijn in het vervoer van LNG, LPG, ammoniak en andere gassen over zee. De combinatie van tientallen jaren ervaring in de exploitatie van gesofisticeerde drijvende installaties die de industriële normen overtreffen en een unieke en baanbrekende expertise in hervergassing, liquefactie en cryogene overslag op zee, garandeert een veilige en betrouwbare uitvoering van complexe operaties.

Voortbouwend op de gestructureerde, projectmatige aanpak van de afgelopen jaren was 2024 opnieuw een jaar van baanbrekende ontwikkelingen en belangrijke verwezenlijkingen. Dit jaar was het tweede jaar van stabiele exploitatie van de EEMSHAVEN FSRU, de succesvolle indienststelling en het eerste exploitatiejaar van de TANGO FLNG en de volgende fase in de ontwikkeling van de EXMAR-schepen die op ammoniak varen. EXMAR Shipmanagement blijft een voortrekkersrol spelen op het vlak van innovatie, door de naleving van de steeds veranderende regelgeving te verzekeren en tegelijk duurzame en efficiënte maritieme oplossingen aan te reiken.

In de jaren 2023-2024 trad EXMAR opnieuw toe tot de sector van olie- en gaswinning met minderheidsbelangen in Vantage Drilling International en Ventura Offshore Holding.

Mensen

Op operationeel vlak kende EXMAR Shipmanagement een intensief jaar met 12 voltooide droogdokken in het Shipping-segment en verschillende activiteiten in het Infrastructure segment. De cijfers voor Lost Time Injury Frequency (LTIF) en Total Reportable Cases (TRC) bleven ruim binnen de door de sector aanvaarde drempels. Deze trend bevestigt de effectiviteit van onze initiatieven om het bewustzijn te vergroten en een echte veiligheidscultuur te creëren.

Het aantal meldingen van bijna-ongevallen stabiliseerde in 2024, wat de succesvolle integratie van de veiligheidscultuur aan boord en in de wereldwijde kantoren opnieuw bevestigt. Deze uitstekende prestaties werden wederom erkend door de sector tijdens drie TMSA-audits in 2024, die resulteerden in een verlenging van de goedkeuring voor grote olietankers en een plaats in de top 5% van de sector. Audits door vlagadministraties of door hun erkende organisaties, resulteerden vorig jaar opnieuw in bevredigende resultaten. Tot slot waren de resultaten van SIRE- en CDI-inspecties aan boord van de beheerde vloot opnieuw beter dan de industrienormen en in lijn met de voorgaande jaren.

Het project voor digitaal scheepsbeheer, dat in 2022 van start ging, werd in 2024 voortgezet met de implementatie en de eerste uitrol van nieuwe digitale oplossingen voor het optimaliseren van het inkoopproces en de crewplanning. Het doel blijft om eigenaars en klanten gemakkelijker toegang te bieden tot digitale gegevens, hen te helpen bij het analyseren van historische operationele gegevens en trends te identificeren om de prestaties van de vloot te optimaliseren en de uitstoot te verminderen.

Met het oog op de vlootvernieuwing die gepland staat en in lijn met de visie van EXMAR Shipmanagement om een hoge retentiegraad voor de crew na te streven, zijn we blij te zien dat de initiatieven van vorig jaar de algemene retentiegraad op een hoog niveau hebben gehouden. Samen met de verbeterde logistiek en planning tussen de vloten, draagt dit bij tot de operationele efficiëntie.

Met een retentiegraad van 91% voor officieren en een retentiegraad van 95,8% voor matrozen, in een zeer competitieve arbeidsmarkt voor ervaren bemanningsleden op gastankers en drijvende gasinstallaties, bevindt EXMAR Shipmanagement zich in een sterke positie om haar portefeuille van schepen in beheer in de toekomst uit te breiden. Bovendien werd vorig jaar de ontwikkeling van nieuwe bemanningspools naar een hoger niveau getild met de visie om onze leidende positie in het bemannen van drijvende gasinstallaties te behouden, ons concurrentievoordeel te verzekeren en de beschikbaarheid van gekwalificeerde zeevarenden te verhogen.

Reglement

Na de uitdagende implementatie van de EU-ETSrichtlijn legde EXMAR Shipmanagement de laatste hand aan de praktische implementatie van rapporteringslijnen voor zowel scheepseigenaars als officiële instanties om de naleving van de geldende wetgeving te verzekeren. Tegelijkertijd werden het afgelopen jaar de voorbereidingen voor de implementatie van de EU-regelgeving inzake brandstof voor de scheepvaart geoptimaliseerd.

Veiligheid

EXMAR Shipmanagement concentreert zich zowel op de veiligheid en gezondheid op het werk als op de veiligheidsaspecten van zijn activiteiten en diensten in allerhande processen. De resultaten zijn positief voor de het beheer van de activa in de segmenten Shipping en Infrastructure, maar ook voor flexibele opdrachten in het kader van conversie-, inbedrijfstellings- en upgradeprojecten. Risico- en veiligheidsbeheer maakt integraal deel uit van de toekomstige ontwikkelingen, waarbij EXMAR-personeel deelneemt aan vergaderingen over het identificeren van gevaren (Hazard Identification - HAZID) en over de beoordeling van risico- en operationele aspecten (Hazard and

Operability - HAZOP) voor nieuwbouwschepen en verbouwingsprojecten. Dit alles met het oog op een vroegtijdige betrokkenheid bij engineering- en ontwerpstudies. EXMAR steunt actief initiatieven op het niveau van de IMO alsook op het niveau van de sector en draagt bij tot de ontwikkeling van een wettelijk kader en de invoering van veilige procedures.

Projecten

Vorig jaar was een mijlpaal voor het segment Shipping binnen EXMAR Shipmanagement, met de succesvolle uitvoering van 12 droogdokken op 5 verschillende scheepswerven. Deze intensieve periode toonde de toewijding en deskundigheid van het team bij het

beheer van dergelijke complexe operaties, terwijl de hoge normen op het vlak van veiligheid, planning en budgetcontrole steeds werden gehandhaafd.

Het segment Shipping bereikte niet alleen haar operationele doelen, maar zorgde ook een solide basis voor toekomstige projecten.

EXMAR Shipmanagement zette de activitieten van de FSRU-terminal in Eemshaven in 2024 voort. Het bedrijf was verantwoordelijk voor de exploitatie en het onderhoud van de hervergassingsinstallatie voor rekening van Vopak/Gasunie en sloot succesvol het tweede jaar met stabiele activiteiten af waarbij onderhoudsactiviteiten volgens plan werden uitgevoerd.

EXMAR Shipmanagement is aanwezig in West-Afrika en beschikt over de nodige expertise om de exploitatie, de diensten en het beheer van de bemanning van de LPG FSO-eenheid NKOSSA II voor de kust van Congo, en van de accommodatieplatformen NUNCE en WARIBOKO voort te zetten. EXMAR Shipmanagement was actief betrokken bij de vlotte overgang naar de nieuwe eigenaars en beheerde de aanpassingswerken en transportdiensten bij de overdracht van het beheer.

De geïntegreerde aanpak van de EXMAR Groep werd eens te meer duidelijk tijdens de uitvoering van de herstellings- en onderhoudsdiensten voor de FSRU TOSCANA, voor de kust van Italië. EXMAR Shipmanagement stond samen met haar dochter DV Offshore de partner ECOS (een operationele onderneming die gedeeltelijk eigendom is van de EXMAR Groep) bij met werftoezicht en deskundig advies tijdens de uitgebreide en succesvolle onderhouds- en herstellingsperiode in 2024.

Na het conversieproject van de TANGO FLNG en de EXCALIBUR FSU zijn beide installaties met succes in bedrijf gesteld in het Marine XII-blok voor de kust van Congo-Brazzaville. Het team zette het harde werk voort door het project in de exploitatiefase over te nemen, wat een belangrijke mijlpaal betekende in de verdere ontwikkeling dankzij de inzet van unieke expertise op het gebied van exploitatie en onderhoud. Het team aan boord van beide eenheden heeft fantastisch werk geleverd in uitdagende omstandigheden en heeft de eerste exportlading LNG in een recordtempo afgeleverd. In de volgende sectie wordt dieper ingegaan op Congo LNG-project.

BOREN

EXMAR investeerde in Vantage Drilling International voor een participatie van 12,14%. De vloot van Vantage bestaat uit twee ultradiepe boorschepen, terwijl het ook diensten levert voor het beheer van twee jack-ups. Vantage staat genoteerd op het Euronext Growth platform onder de naam VDI.

Bovendien verwierf EXMAR een participatie in Ventura Offshore Holding, die 7,4% bedraagt. Ventura bezit drie ultradiepe boorschepen en beheert één ander ultradiepwaterschip. Ventura is genoteerd op het Euronext Growth platform onder VTURA.

Beide bedrijven leveren offshore diensten bij het boren naar olie en aardgas. Deze investeringen werden gedaan het oog op toekomstige waardecreatie als gevolg van een langdurige periode van beperkte investeringen in de offshore drilling markt. Op die manier doet EXMAR na meer dan twee decennia opnieuw zijn intrede in deze industrie en breidt het zijn aanwezigheid in de energiewaardeketen verder uit.

TRAVEL PLUS

Travel Plus, gespecialiseerd in zaken- en vakantiereizen, heeft in totaal 19 lokale professionals in dienst. Het grootste onafhankelijke reisbureau van België, dat werkt vanuit Antwerpen, onderscheidt zich door zijn hoge niveau van persoonlijke zorg voor zaken- en vakantiereizigers. Travel Plus combineert gepersonaliseerde reisroutes met een uitzonderlijke dienst na verkoop.

Wereldwijde geopolitieke spanningen, waaronder het voortdurende conflict tussen Rusland en Oekraïne, hebben bijgedragen aan de onzekerheid in de reissector.

Daarnaast zorgen wijzigingen in de tariefstructuren van luchtvaartmaatschappijen en investeringen in nieuwe technologieën voor belangrijke nieuwe uitdagingen.

Ondanks de focus op het minimaliseren van de ecologische voetafdruk, wat het reisgedrag van klanten en vooral bedrijven heeft beïnvloed, liet Travel Plus sterke prestaties optekenen en sloot het 2024 af met mooie resultaten.

EXMAR YACHTING

EXMAR Yachting beheert een vloot van luxeschepen en ondersteunt zowel ervaren als nieuwe eigenaars bij de uitbating, bemanning, onderhoud, verbouwing en chartering van hun luxejachten.

Vorig jaar betekende een overgangsjaar in de activiteiten van EXMAR Yachting met de herdefiniëring van de algemene strategie en kernactiviteiten, wat resulteerde in full service management voor bestaande en nieuwe klanten. Het team van uiterst professionele kapiteins, technisch personeel, crewing managers en operationele medewerkers ondersteunde de eigenaars met de voorbereiding van werfinspecties, preventief onderhoud, verbeterings- en herstellingsprojecten.

42

2.3 Diensten

Congo LNG: een jaar van operationele ui tmuntendheid

Voortbouwend op de succesvolle ombouw en indienststelling van de TANGO FLNG en EXCALIBUR FSU, was 2024 een cruciaal jaar voor de opstart en exploitatie van het Congo LNG Project. Het project, een samenwerking tussen EXMAR, Eni en lokale Congolese belanghebbenden, heeft niet alleen de energiezekerheid van Congo-Brazzaville verbeterd, maar heeft in de sector ook nieuwe maatstaven gezet voor de efficiënte en betrouwbare exploitatie van drijvende LNGinfrastructuur in moeilijke offshore omstandigheden dankzij een uniek, intern ontwikkeld afmeerconcept en een geïntegreerde filosofie voor terminaloperaties.

HERPLAATSING IN VEELEISENDE OMGEVING

Na de succesvolle aansluiting en installatie van de Congo LNG-terminal vormden de eerste weken van 2024 een belangrijke mijlpaal voor EXMAR Shipmanagement om de CONGO LNG-terminal van de indienststelling naar de exploitatiefase te brengen. In een uitdagende omgeving in de West-Afrikaanse wateren implementeerden de teams van EXMAR Shipmanagement, zowel aan boord als aan wal, een robuuste O&O-strategie (Operaties & Onderhoud) om een veilige en betrouwbare werking naar een optimale LNG-productie te garanderen. De geïntegreerde terminalfilosofie, waarbij TANGO FLNG en EXCALIBUR FSU als één enkele samenhangende terminal werken, bleek een sleutelfactor te zijn in het optimaliseren van de efficiëntie, wat resulteerde in stabiele LNG-productieactiviteiten.

Na een intensieve conversieperiode en indienststelling ter plaatse, hebben onze mensen, aan boord of in ons wereldwijde netwerk, samen met Eni de waarde van onze unieke expertise en ervaring bewezen en de opstart van de FLNG-operatie in een recordtijd mogelijk gemaakt.

OPERATIONELE UITMUNTENDHEID EN BELANGRIJKSTE PRESTATIES

Als we terugkijken op 2024, kunnen we vol trots zeggen dat het een jaar van sterke operationele prestaties was, met niet minder dan 7 LNG-exportladingen die succesvol werden gelost en geleverd aan internationale markten. Deze prestatie onderstreept de hoge operationele activiteit en efficiëntie van het project en toont de betrouwbaarheid aan van de drijvende LNG-productie- en opslagoplossing die in Congo werd geïmplementeerd en geëxploiteerd.

Onze operationele aanpak, met naadloze coördinatie tussen productie, opslag en scheepvaartactiviteiten, maakte een continue LNG-productie mogelijk, terwijl live monitoring en voorspellende onderhoudsstrategieën een jaar zonder (aanzienlijke) ongeplande uitvaltijd mogelijk maakten. Bovendien zorgden procesoptimalisaties op TANGO FLNG ervoor dat de LNG-productiesnelheden de aanvankelijke verwachtingen overtroffen, waardoor de waarde van het project verder toenam.

Deze aanpak gaat hand in hand en is alleen haalbaar met een veiligheidscultuur die de hoogste industrienormen volgt. EXMAR Shipmanagement, dat voortdurend streeft naar operationele uitmuntendheid, heeft door de jaren heen bewezen als pionier in de industrie te kunnen innoveren en presteren. Om een idee te geven: vorig jaar werden meer dan 250.000 uren gepresteerd zonder één enkel ongeval met werkverlet (LTI). Dit is een voortzetting van de sterke staat van dienst als de best gerangschikte O&O-operator in de sector.

PERSONEEL, VEILIGHEID EN LOKALE INTEGRATIE

Met twintig jaar ervaring in de exploitatie van drijvende LNG-infrastructuur heeft ons bedrijf een unieke operationele filosofie geïmplementeerd in Congo. Beide installaties worden geëxploiteerd door één toegewijd offshore team van 62 bemanningsleden van 9 verschillende nationaliteiten, onder leiding van één Offshore Terminal Installation Manager (OIM). In dat opzicht, gedreven door de vastberadenheid om ook lokaal een sterke impact te hebben, zijn we

vanaf het begin van de activiteiten in zee gegaan met lokale partners voor de tewerkstelling en opleiding van Congolezen.

Samen met de Maritieme Academie van Antwerpen (AMA) ontwikkelt EXMAR Shipmanagement opleidingsprogramma's in Congo, Pointe-Noire, om de ontwikkeling op lange termijn en de betrokkenheid van lokale bemanningsleden te verzekeren. Tot op heden maken tien Congolese bemanningsleden deel uit van de bemanningspool voor de exploitatie van de Congo LNG Terminal.

In 2024 groeide ook ons lokale kantoor in Pointe-Noire. Sinds de start breidde het kantoor zich verder uit, met een sterke nadruk op lokale werving en personeelsontwikkeling. De implementatie van een nationalisatieplan voor zowel onshore als offshore werknemers hielp bij de integratie van lokale expertise in het project, wat de duurzaamheid op lange termijn en de kennisoverdracht bevorderde.

VOORUITBLIK

EXMAR Shipmanagement en zijn partners leggen met 2024 de basis voor verdere operationele optimalisaties, meer digitalisering en meer duurzaamheidsinitiatieven. Het Congo LNG-project, dat veiligheid en betrouwbaarheid hoog in het vaandel draagt, blijft het succes aantonen van een volledig geïntegreerde, projectgebaseerde operationele aanpak en verstevigt zijn positie als toonaangevende partner voor de exploitatie van drijvende LNG-infrastructuur.

3. Duurzaamheidsverslag

Zorg voor vandaag Respect voor morgen

3.1 De duurzaamheidsreis van EXMAR 50
3.2 Milieu 74
3.3 Sociaal 90
3.4 Zakelijk gedrag 102
3.5 Bijlage 110

PERSONEEL

302 Vast 121 181

1499 Voltijds 133 1336

1521 Totaal 152 1369

1219 Zeevarenden

302 Kantoor 220 Jonger dan 30 jaar

1031 30-50 jaar oud 270 Ouder dan 50 jaar

Azië 708

Noord-Amerika 102

Europa 620

Zuid Amerika 67

48

Oceanië 1

Afrika 23

EMISSIE PER ACTIVITEIT

88% 6% 2% 4% Totaal: 49.550,59 tCO₂e Gekochte goederen en diensten Afval Investeringen Andere

INFRASTRUCTUUR

DIENSTEN

Andere

Gekochte goederen en diensten

3.1 De duurzaamheidsreis van EXMAR

1.1 INLEIDING DOOR HET HOOFD VAN DUURZAAMHEID

Zorg voor vandaag, respect voor morgen is meer dan een motto voor EXMAR. Het is de basis van ons milieu-, sociaal- en governance (ESG)-engagement, dat al vele jaren als leidraad dient voor onze maatregelen en principes. Dit wordt vertaald in onderstaande tastbare kernwaarden die als ESG-kompas dienen voor alle werknemers. Onze jarenlange toewijding aan duurzaamheid blijkt duidelijk uit onze baanbrekende inspanningen om schonere energieoplossingen en de maritieme toekomst vorm te geven. Van investeringen in schepen aangedreven door LPG en ammoniak tot initiatieven als 'Taking the Safety Lead', we verleggen voortdurend de grenzen van innovatie en verantwoordelijkheid. Ons engagement reikt verder dan technologie: via uitgebreide opleidingsprogramma's voor werknemers stellen we onze teams in staat de kennis en vaardigheden te verwerven om de hoogste industrienormen te handhaven. Bovendien zorgt het robuuste bestuurskader van EXMAR voor verantwoordingsplicht, ethische besluitvorming en veerkracht op lange termijn in een wereldwijd, voortdurend evoluerend landschap.

2024 is de eerste keer dat het duurzaamheidsverslag van EXMAR wordt opgesteld op basis van de vereisten van de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD). De CSRD werd opgericht door de EU en is een regelgevend kader om de duurzaamheidsrapportering van bedrijven te verbeteren en standaardiseren. Dit moet leiden tot transparante, vergelijkbare en betrouwbare informatie over ESG-prestaties.

De overgang naar CSRD is een belangrijke stap voorwaarts voor EXMAR op de weg naar ESG-groei en -vooruitgang. Het bereiken van deze belangrijke mijlpaal vereiste een alomvattende aanpak, waarbij strategische en operationele initiatieven werden geïntegreerd om een meer gestructureerd en grondig rapporteringskader op te zetten. Het is ook een bewijs van de toewijding, hard werk, enthousiasme en de inzet van alle betrokkenen.

Onze belangrijkste prestaties zijn onder andere:

  • Interne ESG-expertise versterken op alle niveaus van de organisatie
  • Duidelijke interne verantwoordelijkheid voor ESG-kwesties definiëren
  • Implementeren van een nieuw, robuust ESG-rapportagesysteem via een nieuw aangeschafte softwaretool
  • De controleerbaarheid van bestaande gegevensverzamelingsprocessen verbeteren
  • Uitvoeren van onze eerste volledige CO₂-boekhouding voor het hele bedrijf

Het pad blijft ambitieus in de toekomst - doelen stellen, focussen op langetermijninitiatieven, de kwaliteit van onze gegevens verbeteren en onze analyse verdiepen. Met onze drang naar creativiteit en technologische innovatie om de wereld op een steeds snellere, veiligere, efficiëntere en duurzamere manier van energie te voorzien, staat EXMAR te popelen om de wateren te bevaren...

1.2 REIKWIJDTE

1.2.1 Algemene toelichtingen

De duurzaamheidsverklaring wordt opgesteld op geconsolideerde basis, de consolidatiekring is dezelfde als voor de geconsolideerde jaarrekening. Zowel voor kwalitatieve als kwantitatieve gegevens zijn EXMAR NV en haar dochterondernemingen opgenomen in de duurzaamheidsrapportering.

EXMAR heeft alle relevante informatie opgenomen met betrekking tot intellectuele eigendom, knowhow, innovatieresultaten, nakende ontwikkelingen en lopende onderhandelingen.

Alle Rapportage-eisen (DR) en Datapunten (DP) zijn opgenomen in het CSRD-verslag. EXMAR verwijst enkel naar andere delen van haar jaarverslag voor bijkomende informatie of om context te verschaffen. Ons beleid wordt gepubliceerd op onze website -https://EXMAR.com/nl met inbegrip van een overkoepelend document waarin de MDR-P-vereisten worden uitgelegd, zoals de reikwijdte van het beleid, de betrokken groepen belanghebbenden en het hoogste niveau dat verantwoordelijk is voor de uitvoering van het beleid.

Zie bijlage 'ESRS Index Rapportage-eisen (DR) en Datapunten (DP)' met een overzicht van alle toepasselijke DR's en DP's.

Deze index geeft ook datapunten aan die afkomstig zijn van andere EU-wetgeving.

1.2.2 Regelgevend kader

Dit duurzaamheidsverslag is in overeenstemming met de CSRD-regelgeving en EXMAR heeft geen andere

norm of wetgeving in overweging genomen. EXMAR leeft wel alle toepasselijke internationale en lokale regelgevingen na.

Op mondiaal niveau wil de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) de totale broeikasgasemissies van de internationale scheepvaartindustrie met ten minste 40% verminderen tegen 2030 en met ten minste 70% tegen 2040. Om dat doel te bereiken, moeten broeikasgasemissieloze of bijna broeikasgasvrije technologieën, brandstoffen en/of energiebronnen ten minste 5% uitmaken van de energie die door de internationale scheepvaart wordt gebruikt in 2030 (vergeleken met de basislijn van 2008). Daarnaast is het uiteindelijke doel van de IMO om broeikasgasemissies tegen 2050 of daaromtrent tot nul terug te brengen.

Bovendien is de Green Deal van de Europese Unie (EU) de belangrijkste regelgeving die verband houdt met de CSRD-rapportage. Het Fit for 55-pakket van de Europese Commissie is hun routekaart naar klimaatneutraliteit in 2050. Als een van de maatregelen is de scheepvaart opgenomen in het EU-emissiehandelssysteem (EU ETS), dat op 01/01/2024 in werking is getreden. Deze verordening is samengevoegd met de EU-verordening inzake monitoring, rapportage en verificatie (EU MRV).

EU-ETS werkt volgens het principe van 'cap-and-trade'. Er wordt een limiet gesteld aan de totale hoeveelheid broeikasgassen die de industrie mag uitstoten. Na verloop van tijd wordt dit plafond verlaagd, wat resulteert in een geleidelijke vermindering van de totale uitstoot. Aan het einde van elk jaar moeten alle entiteiten evenveel EU-emissierechten (EUA) inleveren als ze uitstoten. Elk emissierecht staat voor één ton CO2. De bedoeling is dat de koolstofprijs investeringen in koolstofarme technologie stimuleert en beloont.

In een eerste fase dekt het EU-emissiehandelssysteem schepen met een brutotonnage van meer dan 5.000 ton (in lijn met de CII-regeling), ongeacht de vlag waaronder ze varen. Het EU-ETS omvat alle emissies van schepen die een EU-haven aandoen voor reizen binnen de EU (intra-EU), 50% van de emissies van reizen die buiten de EU beginnen of eindigen (extra-EU-reizen), en alle emissies op een aanlegplaats in de EU zoals gerapporteerd onder EU MRV.

Scheepvaartmaatschappijen moeten slechts emissierechten inleveren voor een deel van hun emissies tijdens een initiële invoeringsperiode (40% in 2024, 70% in 2025), om na 3 jaar, dus in 2026, 100% van de geverifieerde emissies te bereiken. Verwacht wordt dat de financiële impact op het nettoresultaat van EXMAR minimaal zal zijn, aangezien de compensatie grotendeels de eigen reizen dekt, voornamelijk de herpositionerings- en periodes van huuronderbreking. Voor de klantreizen bevatten de standaardovereenkomsten in de sector regelingen voor de EU ETS-gerelateerde kosten. Dit zou koolstofarme oplossingen moeten stimuleren en het prijsverschil tussen alternatieve brandstoffen en traditionele maritieme brandstoffen moeten verkleinen.

Het toepassingsgebied van de MRV/ETS van de EU wordt uitgebreid met de rapportage van andere broeikasgassen zoals methaan (CH4) en distikstofoxide (N2 O) die door schepen worden uitgestoten. Schepen die gedurende twee of meer opeenvolgende periodes niet voldoen aan de MRV-vereisten van de EU, kan de toegang tot EU-havens worden geweigerd.

Het Europees Economisch en Sociaal Comité is bezig met de ontwikkeling van het Fuel EU Maritime Proposal. Dit zal tegen 2025 een levenscyclusanalyse van broeikasgassen opleggen voor alle energie die aan boord van schepen wordt gebruikt.

EXMAR is ISO 9001 (kwaliteit), ISO 45001 (gezondheid en veiligheid), ISO 14001 (milieu) en ISO 50001 (energieefficiëntie) gecertificeerd. Bovendien worden de emissiegegevens van de schepen geverifieerd door een classificatiebureau volgens de DCS-regelgeving van de IMO.

1.2.3 EXMAR Zakelijke relaties

1.2.3.1 Bedrijfsonderdelen en markt

EXMAR is opgesplitst in drie business units

Shipping

EXMAR is een toonaangevende reder en operator voor het transport van vloeibaar petroleumgas (LPG), ammoniak (NH3 ) en petrochemische gassen.

  • Zeer grote gastankers (VLGC)
  • Middelgrote gastankers (MGC)
  • Drukschepen (FP)

Infrastructuur

EXMAR Infrastructure wil innovatieve en snelle olieen gasinfrastructuuroplossingen ontwikkelen om de energie-industrie te ondersteunen bij het leveren van schone en betaalbare energie aan gemeenschappen.

  • FSRU Eemshaven LNG (drijvend LNG-hervergassingsinstallatie)
  • Partnerschapscontract voor technische en operationele uitvoering met ENI voor het LNG-project Marine XII Congo, inclusief FSU Excalibur
  • Eén drijvend accommodatieplatform
  • Techniek:
    • EXMAR Offshore Company (EOC, Houston), houder van het OPTI® semisubmersible rig rompontwerp (gepatenteerd)
    • DV Offshore (DVO, Parijs)

Ondersteunende diensten

EXMAR heeft zakelijke belangen in verschillende bedrijven op het gebied van scheepsbeheer, gespecialiseerde reizen en onderdelen voor de marine- en offshore-industrie.

  • EXMAR Shipmanagement
  • Travel Plus

Elk met hun eigen belangrijke markten en klantengroepen:

Shipping

■ Meerdere internationale spelers in de LPG- en ammoniakmarkt

Infrastructuur

  • Klant actief in hervergassingsystemen
  • Klant voor technische en operationele project ondersteuning
  • Klant voor drijvend accommodatieplantform

Techniek:

  • EOC: offshore energie
  • DVO: maritieme en energieklanten

Ondersteunende diensten

  • Inhouse scheepsmanagement
  • Extern scheepsbeheer

Lees voor meer informatie 'Hoofdstuk 2 Activiteitenverslag' van dit jaarverslag.

1.2.3.2 Belangrijke ESRS-sectoren

EXMAR is actief in twee belangrijke ESRS-sectoren: 'fossiele brandstoffen (steenkool, olie en gas)' en 'energieproductie en nutssector'. EXMAR ondersteunt de olie- en gassector via het wereldwijde transport van gas (fossiele brandstof) en de transformatie en tijdelijke opslag van gas (energieproductie en nutsvoorzieningen). EXMAR is niet actief in de steenkoolsector, chemische productie, controversiële wapens of in de teelt en productie van tabak.

Bovendien zijn er geen producten of diensten van EXMAR die verboden zijn op bepaalde markten.

Er zijn geen bijkomende belangrijke ESRS-sectoren waarin EXMAR een materiële impact heeft.

EXMAR is innovatief en speelt een belangrijke rol in de engineeringactiviteiten voor de olie- en gasindustrie die de industrie veiliger (hoogste normen) en duurzamer (vermindering van staal) maken via twee belangrijke dochterondernemingen EOC en DVO. Ten slotte zijn de andere inkomsten afkomstig uit de dienstensector via het reisbureau (Travel Plus) of via de interne scheepsmanager (EXMAR Shipmanagement BV).

Inkomsten
Olie & gas 73,120,112.00
Energieproductie & nutsbedrijven 28,301,192.00
Belangrijke ESRS-sectoren 101,421,304.00
Vervoer 0.00
Energie 0.00
Diensten 184,075,590.00
Engineering 63,414,556.00
Overige inkomsten
(niet-ESRS sectoren)
247,490,146.00

1.2.3.3 Belangrijkste input

De vlotte werking van EXMAR hangt af van een doeltreffend beheer van de belangrijkste inputs, met name brandstof (energiebronnen), staal (scheepsbouwmaterialen) en zeevarenden (human resources). Hoewel elk van deze inputs unieke uitdagingen met zich meebrengt, zorgt een strategische benadering van aankoop, ontwikkeling en beveiliging voor operationele efficiëntie, kosteneffectiviteit en veerkracht bij verstoringen.

Een van de meest cruciale inputs bij de exploitatie van schepen is brandstof, die voornamelijk de verantwoordelijkheid is van de bevrachter en niet van EXMAR als scheepseigenaar.

In tegenstelling tot brandstof ligt de verantwoordelijkheid voor de aankoop van staal bij de scheepswerf, aangezien de scheepseigenaar de opdracht geeft voor de bouw van een schip en niet rechtstreeks de aankoop van het materiaal beheert. EXMAR speelt echter nog steeds een cruciale rol om ervoor te zorgen dat de scheepswerf zich houdt aan de hoge kwaliteitsnormen voor materialen en efficiënte bouwpraktijken. De nauwe samenwerking tussen EXMAR en de scheepswerven zorgt ervoor dat de schepen gebouwd worden volgens de hoogste kwaliteits- en regelgevingsnormen en dat verspilling en kwetsbaarheid van de toeleveringsketen tot een minimum beperkt blijven.

Naast de fysieke middelen blijven zeevarenden de meest waardevolle troef bij maritieme operaties. Het aantrekken, ontwikkelen en behouden van geschoolde arbeidskrachten is van fundamenteel belang om een veilige en efficiënte werking te handhaven. De doeltreffende rekruteringsstrategieën van EXMAR omvatten sterke samenwerkingsverbanden met maritieme academies, opleidingsinstellingen en bemanningsagentschappen overal ter wereld. EXMAR investeert voortdurend in opleiding, welzijn van de bemanning, veilige werkomstandigheden en eerlijke contracten om het behoud en de arbeidsvoldoening te verbeteren.

1.2.4 Waardeketen

De waardeketen, zoals hieronder afgebeeld, omvat zowel directe als indirecte zakelijke relaties en upstream als downstream zakelijke relaties. Op basis van deze waardeketen worden de stakeholders geïdentificeerd en wordt met hun relevante materiële onderwerpen rekening gehouden in de dubbele materialiteit analyse van EXMAR.

Deze waardeketen biedt een volledig beeld van het operationele ecosysteem van EXMAR en dient als basis voor een grondige Dubbele Materialiteit Analyse (DMA). Bij het definiëren van de waardeketen werden verschillende kritieke factoren geanalyseerd:

  • Schaal en complexiteit: De omvang en middelencapaciteit van EXMAR in verhouding tot de breedte en complexiteit van de activiteiten in de waardeketen.
  • Invloed en hefboomwerking: Het vermogen van het bedrijf om actoren in de waardeketen te beïnvloeden, met name bij het stimuleren van duurzaamheidsresultaten, benutten van koopkracht en cultiveren van samenwerking.
  • Technische paraatheid: De mate waarin interne systemen en processen gereed zijn om gegevens over de waardeketen effectief te verzamelen, te beheren en te rapporteren, zodat ze voldoen aan de normen voor duurzaamheidsrapportage.
  • Toegankelijkheid en uitwisseling van gegevens: Beperkingen in bestaande instrumenten en kaders voor toegang tot en uitwisseling van kritieke informatie binnen de waardeketen.
  • Nabijheid tot het bedrijf: De relatieve grootte, middelen, technische geavanceerdheid en geografische of operationele nabijheid van actoren in de waardeketen, die van invloed zijn op de gegevensstroom en de betrokkenheid bij duurzaamheid.

Door de waardeketen in kaart te brengen en te definiëren, krijgt EXMAR een beter inzicht in de onderlinge afhankelijkheden, risico's en kansen met betrekking tot duurzaamheidsimpacts, wat op zijn beurt leidt tot een meer strategische afstemming.

1.2.5 Stakeholders

1.2.5.1 Identificatie

Op basis van de waardeketen van EXMAR wordt een analyse uitgevoerd volgens onderstaande matrix om alle belanghebbenden te identificeren en de macht en belangen van de verschillende partijen te bepalen.

  • Macht: hoeveel macht of invloed heeft de stakeholder in de beslissingen en activiteiten van het bedrijf?
  • Belang: hoeveel belang heeft de stakeholder bij de beslissingen en activiteiten van het bedrijf?

De classificatie macht versus belang resulteert in 4 categorieën stakeholders:

  • Nauw beheren: Deze belanghebbenden zijn van cruciaal belang voor het succes van het project of de organisatie en moeten actief worden betrokken en beheerd om ervoor te zorgen dat aan hun behoeften en verwachtingen wordt voldaan.
  • Op de hoogte houden: Deze stakeholders kunnen EXMAR niet rechtstreeks beïnvloeden, maar zijn wel betrokken bij de activiteiten en kunnen de perceptie beïnvloeden of waardevolle inzichten verschaffen.
  • Tevreden houden: Deze belanghebbenden zijn misschien niet actief betrokken bij de dagelijkse activiteiten, maar kunnen beslissingen of resultaten beïnvloeden als ze ontevreden zijn.
  • Monitor: Deze stakeholders zijn niet actief betrokken en zullen waarschijnlijk geen significante invloed hebben op EXMAR.

EXMAR beheert de volgende belangrijke stakeholders nauwgezet:

  • Intern
    • Zeevarenden
    • Kantoorpersoneel
    • Dochterondernemingen (belangrijke personeelsleden)
    • Raad van bestuur
  • Extern
    • Scheepseigenaren
    • Klanten
    • Bevrachters
    • Financiële partners
    • Scheepswerven

Stakeholders kunnen na verloop van tijd van categorie veranderen. Bijvoorbeeld, een stakeholder met aanvankelijk weinig interesse kan een hoge interesse ontwikkelen als de omstandigheden veranderen, wat aanpassingen in engagementstrategieën vereist.

1.2.5.2 Voordelen

EXMAR streeft ernaar duurzame waarde te creëren in ons ecosysteem, door te verzekeren dat onze activiteiten en diensten zinvolle voordelen opleveren voor zowel interne als externe stakeholders.

Huidige Voordelen voor Interne Stakeholders

  • Zeevarenden & Kantoorpersoneel
    • Positieve sociaaleconomische impact door het creëren van banen en loopbaanstabiliteit.
  • Hoge veiligheidsnormen om het aantal ongevallen te verminderen.
  • Een veilige en conforme werkomgeving, met inbegrip van het recht op vrijheid van vereniging, sociale zekerheid, huisvesting en toegang tot communicatie, indien van toepassing, en het bevorderen van het welzijn van het personeel.
  • Een diverse, multiculturele werkplek die leidt tot zowel persoonlijke als professionele groei.
  • Dochterondernemingen (belangrijke medewerkers) & Raad van Bestuur
    • Afstemming op ESG-maatregelen voor zakelijk succes op lange termijn.
    • Veiligheidsbeheersystemen, trainingsprogramma's inclusief anti-corruptie en anti-omkoping, die leiden tot minder incidenten, lagere kosten en een betere reputatie
    • Transparant bestuur en besluitvormingsprocessen die de integriteit van het bedrijf versterken.

Verwachte voordelen voor Interne Stakeholders

  • Zeevarenden & Kantoorpersoneel
    • Permanente opleidingsmogelijkheden om werknemers bij te scholen als reactie op technologische ontwikkelingen en een veranderende arbeidsmarkt.
    • Overgang naar alternatieve brandstoffen en technologieën creëert (nieuwe) werkgelegenheid
    • Versterkte betrokkenheid van werknemers door doelgericht werk en ESG-initiatieven.
  • Dochterondernemingen & Raad van Bestuur
    • ESG-kansen benutten om financiële voordelen te genereren en de operationele veerkracht te vergroten.
    • Verbeterde strategische positionering door te investeren in toekomstgerichte, koolstofarme scheepvaartoplossingen en bij te dragen aan het verminderen van de milieu-impact van de maritieme industrie.

Huidige voordelen voor Externe Stakeholders

  • Scheepseigenaren, klanten, scheepswerven en bevrachters
    • Verbeteringen in de efficiëntie van schepen die leiden tot kostenbesparingen en een hogere winstgevendheid.
    • Schepen die voldoen aan de huidige en toekomstige milieuregelgeving, zodat de vloot concurrerend is en in alle regio's kan opereren.
    • De infrastructuuroplossingen van EXMAR spelen een cruciale rol bij het verminderen van het affakkelen bij de winning van koolwaterstoffen, wat bijdraagt tot een lagere milieu-impact.
    • Een gediversifieerde vloot met duurzame brandstofopties, waaronder twee schepen

die op LPG kunnen varen - een erkende overgangsbrandstof onder het Europees Observatorium voor Alternatieve Brandstoffen. Bevrachters hebben de flexibiliteit om te kiezen tussen Heavy Fuel Oil (HFO), Marine Gas Oil (MGO) of LPG als brandstof. De schepen zonder dual-fuel motoren kunnen op biobrandstoffen varen.

  • FSRU Eemshaven LNG heeft zijn broeikasgasemissies met succes teruggedrongen door de energieopwekking aan boord (voorheen op basis van MGO) te vervangen door walstroom.
  • Actieve samenwerking met scheepswerven om energie-efficiënte technologieën en mogelijkheden voor alternatieve brandstoffen te integreren in toekomstige vlootontwikkelingen.
  • Financiële partners
    • Ethisch bestuur en verantwoorde bedrijfspraktijken die het vertrouwen van investeerders versterken.
    • Transparante ESG-rapportering, die het engagement van EXMAR voor duurzame financiering versterkt.

Verwachte voordelen voor Externe Stakeholders

  • Scheepseigenaren, klanten, scheepswerven en bevrachters
    • Via een joint venture investeert EXMAR in een nieuwe vloot van dual-fuel schepen die op LPG of ammoniak kunnen varen en zo de overgang naar een koolstofarmere scheepvaart ondersteunen.
    • Blijven investeren in onderzoek en ontwikkeling om brandstofefficiëntie en operationele duurzaamheid te stimuleren.
    • EXMAR blijft zich inzetten om over te schakelen op koolstofarme brandstoffen, de brandstofefficiëntie te verbeteren en het gebruik van walstroom waar mogelijk op te drijven.
    • Verbeterde ESG-transparantie, zodat wordt voldaan aan de veranderende verwachtingen van regelgevers en beleggers.
    • Verkenning van betrouwbare en energie-efficiënte oplossingen voor de toeleveringsketen om emissies verder te minimaliseren, waaronder geoptimaliseerde transportlogistiek voor reserveonderdelen.
  • Financiële partners
    • Verbeterde transparantie op het gebied van ESG, waardoor banken en beleggers met specifieke ESG-agenda's nauwkeuriger kapitaal kunnen toewijzen.
    • EXMAR diversifieert actief zijn portefeuille door investeringen in het onderzoek en de ontwikkeling van CO₂-dragers en positioneert zich zo als een belangrijke speler in klimaatoplossingen op korte termijn.

EXMAR is goed gepositioneerd om voordelen op lange termijn te genereren voor alle stakeholders.

1.2.5.3 Engagementproces

De betrokkenheid van EXMAR bij de stakeholders is geworteld in de doelstelling van de onderneming om de behoeften en verwachtingen van de stakeholders te verzekeren en te versterken. Door een sterke relatie op te bouwen, kan EXMAR opkomende risico's identificeren en aanpakken, maar ook waardevolle inzichten verwerven die onze beslissingsprocessen informeren en versterken.

In het proces om stakeholders te betrekken, hanteerde EXMAR een uitgebreide aanpak in twee fasen om diepgang en relevantie te garanderen. Om zich grondig voor te bereiden en voorlopige inzichten te verwerven, werd uitgebreid indirect onderzoek gedaan. Dit omvatte het analyseren van de duurzaamheidsrapporten van de stakeholders, indien beschikbaar, het bekijken van publiek toegankelijke informatie op hun websites en het opvolgen van hun communicatie via platformen zoals LinkedIn om hun prioriteiten, uitdagingen en perspectieven te begrijpen. Voortbouwend op deze basis ging EXMAR over op directe betrokkenheid, waarbij bewust werd afgezien van algemene enquêtes en vragenlijsten ten voordele van een meer betekenisvolle en genuanceerde aanpak. EXMAR voerde meer dan 50 diepte-interviews met de belangrijkste stakeholders uit en stimuleerde open en inzichtelijke dialogen om kritieke kwesties in detail te onderzoeken, unieke perspectieven bloot te leggen en een beter inzicht te krijgen in de verwachtingen en bezorgdheden van de stakeholders. Deze combinatie van een grondige voorbereiding en persoonlijke, directe communicatie zorgde ervoor dat het engagementproces van EXMAR zowel gefundeerd als impactvol was en de basis legde voor een sterkere samenwerking en beter op elkaar afgestemde duurzaamheidsinitiatieven.

Er wordt onderscheid gemaakt tussen externe en interne belanghebbenden:

Voor de interne interviews werd een bottom-up benadering gebruikt. De impacts, risico's en kansen (IRO's) zijn gevormd op basis van de informatie van deze experts in combinatie met onderzoekspapers en andere gegevens. Het doel was om te beoordelen, te valideren en volledigheid te garanderen.

De interviews voor externe belanghebbenden werden gedaan via interne mandatarissen. Deze mandatarissen beschikken over de vereiste kennis, hebben regelmatig contact met deze belanghebbenden en zijn geschikt om hen te vertegenwoordigen. Voor deze interviews werd een top-down benadering gebruikt. Er werd een inschatting gemaakt op groepsniveau met betrokkenheid en zij werden geraadpleegd voor specifieke zaken.

Tijdens de interviews werd voortdurend een brug geslagen tussen de belangen en standpunten van de stakeholders en de strategie en het bedrijfsmodel van EXMAR. EXMAR identificeerde de synergieën, vatte de feedback samen en parafraseerde ze om tot een gemeenschappelijk begrip te komen.

1.2.5.4 Resultaat van het engagement

EXMAR stelde een dubbele materialiteitsanalyse op met impacts, risico's en kansen (IRO's) op basis van feedback van interne stakeholders. Hun feedback omvatte gedetailleerde en genuanceerde input en leidde tot de verduidelijking dat deze een of meer kleinere gevolgen kunnen hebben die nauw met elkaar verbonden zijn. Bepaalde kleinere, maar onderling verbonden effecten zijn waar relevant geconsolideerd in overkoepelende IRO's, om een samenhangende en uitgebreide beoordeling te garanderen. Hoewel ook rekening is gehouden met feedback van externe stakeholders, heeft deze niet geleid tot significante wijzigingen in de IRO's, aangezien hun inbreng grotendeels overeenkwam met het bestaande kader en de huidige aanpak valideerde. Dit weerspiegelt de robuustheid van de initiële beoordeling en erkent tegelijkertijd de waardevolle perspectieven van externe belanghebbenden.

De resultaten van de interviews met alle stakeholders werden gedeeld met het directiecomité en het audit- en risicocomité van EXMAR.

In de komende jaren zal de interactie tussen de stakeholders op het vlak van duurzaamheid alleen maar toenemen en zullen hun belangen en standpunten duidelijker en specifieker worden. Dit zal een invloed hebben op de strategie en het bedrijfsmodel van EXMAR.

EXMAR is van plan om vanaf volgend jaar een programma op te zetten om rechtstreeks in contact te treden met zijn "Manage Closely" externe stakeholders over duurzaamheidskwesties. Daarnaast zal de haalbaarheid worden onderzocht van enquêtes om inzichten te verzamelen van belanghebbenden in de categorieën "geïnformeerd blijven" en "tevreden blijven". Hoewel deze initiatieven bedoeld zijn om de interactie met belanghebbenden te verbeteren, verwacht EXMAR niet dat ze de bestaande relaties of perspectieven van belanghebbenden aanzienlijk zullen veranderen.

Op dit moment zijn er nog geen wijzigingen aangebracht aan de strategie of het bedrijfsmodel van EXMAR op basis van de feedback van de stakeholders. Het belang van hun input met betrekking tot transparantie werd echter erkend. In antwoord hierop heeft EXMAR zich geëngageerd om meer open te rapporteren, niet alleen via het CSRD-verslag, maar ook door deel te nemen aan vragenlijsten en haar duurzaamheidspad publiek toegankelijk te maken via de website.

1.3 DUBBELE MATERIALITEIT

1.3.1 Dubbel materialiteitsproces

1.3.1.1 Verhoogd risico van wereldwijde activiteiten

EXMAR opereert in een dynamische globale bedrijfsomgeving, die nauw verbonden is met de diverse milieu- en sociale realiteiten van zijn wereldwijde activiteiten. De vloot opereert in internationale wateren en de kantoren zijn strategisch gepositioneerd in belangrijke regio's over de hele wereld, zodat EXMAR doeltreffend kan inspelen op de regionale marktvraag. Werken op een dergelijke wereldwijde schaal houdt echter inherent verhoogde risico's in, zoals blootstelling aan verschillende regelgevende kaders, geopolitieke onzekerheden en milieu-uitdagingen die uniek zijn voor elk activiteitengebied. Deze complexiteit onderstreept EXMAR's engagement voor een robuust risicobeheer en duurzame praktijken in alle facetten van zijn activiteiten.

Wereldwijd Europa
Verenigde Staten van Amerika Nederland
India Antwerpen (Hoofdkantoor)
Jamaica Luxemburg
Nigeria Italië
Republiek Congo UK
Democratische Republiek Congo Frankrijk
Angola
Singapore
Hongkong
China
Zuid-Korea

De aanpak van EXMAR geeft voorrang aan het identificeren en beheren van verhoogde risico's op negatieve gevolgen door rekening te houden met:

  • Variabiliteit in milieuregelgeving, sociale omstandigheden en governance normen tussen regio's.
  • Nauwgezette evaluatie van partnerschappen en toeleveringsketens om naleving van internationale normen te garanderen.
  • De dynamische aard van maritieme operaties.

Dit risicobeheerkader zorgt ervoor dat we voldoen aan strenge maritieme regelgeving en proactief mogelijke negatieve gevolgen beperken, zodat onze wereldwijde activiteiten en stakeholders worden beschermd.

1.3.1.2 Identificatieproces

De Dubbele Materialiteit Analyse (DMA) wordt gemaakt op basis van een holistische benadering. De waardeketen biedt een overkoepelend zicht op het operationele ecosysteem ter ondersteuning van een gedetailleerde DMA. Dit betekent dat EXMAR niet alleen de eigen impact in beschouwing neemt, maar ook de reële en potentiële risico's en kansen analyseert die verbonden zijn met de waardeketen en hun afhankelijkheden, rechtstreeks of onrechtstreeks, en die een invloed hebben op de strategische, operationele of financiële prestaties van de organisatie.

Door middel van interviews met stakeholders heeft EXMAR ervoor gezorgd dat alle aspecten van de waardeketen in de analyse werden opgenomen.

Bij het definiëren van de waardeketen werden verschillende factoren in overweging genomen:

  • Omvang en middelen van het bedrijf gerelateerd aan de omvang en complexiteit van de waardeketen
  • Invloed en koopkracht van het bedrijf
  • Technische gereedheid van het bedrijf om informatie over de waardeketen te verzamelen
  • Onbeschikbaarheid van instrumenten om toegang te krijgen tot informatie over de waardeketen en deze te delen
  • Grootte, middelen en technische gereedheid van de actoren in de waardeketen en hun nabijheid tot het bedrijf

EXMAR maakte een lijst om alle mogelijke Impacts, Risico's en Kansen (IRO's) te identificeren:

Stap één: Als uitgangspunt wordt de materialiteitsanalyse van het 2023 ESG-rapport gebruikt (niet op CSRD afgestemd), gecombineerd met de belangrijkste kenmerken van interne controle- en risicobeheersystemen voor zowel strategische, operationele als financiële risico's.

Stap twee: Om de korte lijst van IRO's aan te vullen, werden drie maatregelen genomen:

  • Organiseer een interne brainstormsessie (bijv. tussen het hoofd HSEQ en een HSEQ-medewerker)
  • Voer een peer-analyse uit binnen en buiten de maritieme industrie
  • Vergelijking met de ESRS-richtlijnen (ESRS 1 AR16) om te controleren of alle relevante onderwerpen zijn beoordeeld.

Deze lijst, met aanvullende geïdentificeerde IRO's, biedt een solide basis voor de discussie met stakeholders.

Stap drie: Tijdens interviews met stakeholders werden aanvullende IRO's geïdentificeerd en bestaande IRO's gewijzigd of gevalideerd.

Er werden diepte-interviews gehouden met zowel interne als externe stakeholders om er zeker van te zijn dat EXMAR hun belangen en standpunten begrijpt en rekening houdt met hun feedback tijdens de DMA.

Op basis van feedback van interne stakeholders is het proces voor het classificeren van de lange lijst met potentiële impacts, risico's en kansen (IRO's) verfijnd. Deze systematische aanpak garandeert een grondige identificatie, beoordeling, prioriteit bepalen en opvolging van zowel de potentiële als de reële impact op mens en milieu. De methodologie van EXMAR is gebaseerd op een robuust due diligence proces en omvat de volgende stappen:

■ Bepaal of de IRO feitelijke of potentiële positieve of negatieve effecten op de wereld vertegenwoordigt, inclusief milieu-, sociale of economische dimensies.

  • Bepaal het tijdschema voor elke IRO in lijn met de strategische prioriteiten.
  • Ken kwalitatieve scores toe aan IRO's op basis van hun belang en relevantie.

Dit gestructureerde proces versterkt niet alleen EXMAR's vermogen om belangrijke duurzaamheidsthema's aan te pakken, maar verzekert ook transparantie en verantwoordelijkheid bij de inspanningen om feedback van stakeholders te integreren in maatregelen.

Naast de kennis van de interne belanghebbenden van EXMAR, is er ook input van andere belanghebbenden:

  • Organisaties die lid zijn van de industrie
  • Classificatiebureaus
  • Wetenschappelijke literatuur
  • Duurzaamheid collega's

Het hoofd ESG heeft deze input, innovatieve ideeën, feedback van stakeholders en belangrijke discussiepunten zorgvuldig verzameld en samengevat in een allesomvattende en overkoepelende Dubbele Materialiteit Analyse (DMA). In samenwerking met de multidisciplinaire ESG-taskforce werden de uiteindelijke uitdagingen grondig geëvalueerd, waardoor een goed afgeronde en strategische aanpak werd gegarandeerd. Dit verfijnde voorstel werd ter beoordeling en besluitvorming voorgelegd aan het Uitvoerend Comité (ExCo).

1.3.1.3 Intern besluitvormingsproces over materiële onderwerpen

ExCo speelde een centrale rol als belangrijke stakeholder in het dubbele materialiteitsbeoordelingsproces en zorgde voor afstemming met de algemene managementstrategie van de organisatie. Tijdens het volledige proces werd het ExCo actief betrokken om strategisch toezicht te houden, bevindingen te valideren en ervoor te zorgen dat de beoordeling werd geïntegreerd in het bredere besluitvormingskader van EXMAR.

Tot slot werd een speciale workshop gehouden om het verfijnde voorstel te presenteren en te bespreken. Tijdens deze gezamenlijke sessie kon het ExCo de geïdentificeerde impacts, risico's en kansen evalueren in de context van de strategische prioriteiten, de operationele doelstellingen en de langetermijnvisie op duurzaamheid van de onderneming. Hun inbreng was van groot belang bij het verfijnen van de beoordelingsresultaten, wat leidde tot de uitwerking of wijziging van bepaalde IRO's om beter aan te sluiten bij de organisatie van EXMAR.

De geïdentificeerde IRO's worden getoetst aan het risicoregister van EXMAR, dat de belangrijkste strategische, operationele en financiële risico's van de organisatie omvat. Dit proces zorgt voor afstemming en integratie met het bredere kader voor risicobeheer van EXMAR. De beoordeling en het beheer van de impact en de risico's worden naadloos geïntegreerd in het

algemene risicobeheerproces, waardoor een holistische evaluatie van het risicoprofiel van de organisatie mogelijk wordt. Op die manier zorgt EXMAR ervoor dat zijn risicobenadering allesomvattend en consistent is en zowel de onmiddellijke als de langetermijnprioriteiten weerspiegelt, wat de doeltreffendheid en de veerkracht van zijn risicobeheerpraktijken verbetert.

1.3.1.4 Scoringsproces

Om de prioriteit van de duurzaamheidsgerelateerde IRO's te kunnen bepalen, worden deze principes gevolgd:

  • Objectieve materialiteitsbeoordeling
    • Relevante en waarheidsgetrouwe informatie opnemen over alle impacts, risico's en kansen (IRO's) op het gebied van milieu-, sociaal- en governanceaangelegenheden waarvan is vastgesteld dat ze van materieel belang zijn vanuit het oogpunt van impactmaterialiteit of vanuit het oogpunt van financiële materialiteit of beide.
  • Relevantie
    • De criteria ter ondersteuning van de identificatie van de informatie die openbaar moet worden gemaakt. Relevantie is gebaseerd op
      • Het belang van de informatie afgewogen ten opzichte van de publicatie van de materie of
    • Het nut van de beslissingen
  • Geschikt voor het doel
    • Op basis van bedrijfsspecifieke feiten en omstandigheden moet het DMA-proces geschikt zijn voor het doel, rekening houdend met de vereisten van ESRS 1, en wat er openbaar moet worden gemaakt met betrekking tot de materialiteitsbeoordeling en de uitkomst daarvan. De materialiteitsbeoordeling weerspiegelt onder andere de impact en de financiële materialiteitsperspectieven, evenals mogelijke onderlinge verbanden tussen beide.
  • Looptijd bedrijf
    • Het proces is gedeeltelijk afgestemd op de maturiteit van het bedrijf. Het bedrijf heeft nood aan het opleiden en betrekken van belangrijke medewerkers bij het proces om de kwaliteit van de gegevens en correcte analyse te garanderen.
  • Evenredigheid
    • Het proces en de middelen besteed voor de uitvoering van de DMA worden afgestemd op het bedrijf. Het DMA-proces wordt aangepast om de best mogelijke balans te garanderen tussen het uitvoeren van een hoge kwaliteitsDMA en het beperken van de bestede middelen (nalevingskosten).
  • Evenwichtige beoordeling
    • Ontworpen om alle materiële impacts, risico's of kansen te identificeren en om diegene die niet materieel zijn uit te sluiten.

Voor de dubbele materialiteitsbeoordeling, om het scoringsmechanisme en gerelateerde drempel te bepalen, werden de volgende factoren in overweging genomen:

  • Bottom-up benadering met input van
    • Standaard risicobeoordelingstools voor onderzoeken
    • Tools voor financieel risicobeheer
  • Vermijden van
    • Subjectiviteit
    • Oversimplificatie
    • Onderschatting
    • Focus op de feitelijke score zonder het perspectief van belanghebbenden of ethische overwegingen
  • Een vergelijkende analyse met verschillende peers
  • Verwachtingen van stakeholders
  • Het bedrijf
    • Grootte en schaal
    • Bedrijfsmodel
    • Inzet voor duurzaamheid

Rekening houdend met het bovenstaande zijn de volgende principes van toepassing:

  • Vermijden van één getal of één woord als scoringsmechanisme
    • Beschrijvende scores geven die de aard en omvang van de impact uitleggen
    • Een standaard bieden om te gebruiken als vergelijking
  • Focus op kwalitatieve analyse voor duidelijke communicatie
    • Numerieke waarden worden gegeven nadat de beschrijvende uitleg is vermeld

■ De waarschijnlijkheidsscore is niet gebaseerd op de geschiedenis van de sector of het bedrijf, wat resulteert in een toekomstgerichte risicobeoordeling.

Een ESG-onderwerp wordt als materieel beschouwd als het voldoet aan de criteria voor financiële materialiteit, impactmaterialiteit of beide, wat het belang ervan onderstreept voor het stimuleren van financiële prestaties, het beïnvloeden van de besluitvorming door belanghebbenden en het aanpakken van bredere milieu-, sociaal- en governance-overwegingen.

Risico's en kansen

Om te evalueren of de geïdentificeerde risico's en kansen materieel zijn voor EXMAR, werden de volgende scoringscriteria toegepast. Het is van cruciaal belang te erkennen dat EXMAR deze effecten en risico's zorgvuldig heeft gerationaliseerd om een objectieve en evenwichtige beoordeling te garanderen. Deze aanpak garandeert een eerlijk scoringsproces, ongeacht of het risico of de kans een terugkerende of eenmalige gebeurtenis is, en zorgt voor een volledig begrip van hun mogelijke implicaties voor de organisatie.

De toegepaste drempels in de DMA zijn vastgesteld in overeenstemming met de EFRAG-richtlijnen. De drempels komen overeen met de risicotolerantie van de onderneming en de beschrijvende toelichting is getoetst aan de principes en het scoringsmechanisme, wat resulteert in de volgende financiële drempel:

  • Waarschijnlijkheid: Vanaf 2/3 kans
  • Vanaf 3 750 000 USD of 5% van de totale bedrijfsopbrengsten
  • Reputatie: Internationale dekking

Wanneer we de scoringscriteria vertalen naar wiskundige termen, komt deze drempelwaarde overeen met een waarde van 3,5.

Waarschijnlijkheid Grootorde
Score Financieel Reputatie
Minimaal 0-20% kans 0-100 000 USD
<0,02% van het bedrijfsresultaat
<0,15% van nettoresultaat
Geen publiciteit, alleen intern
Laag 21-40% kans 100 000 - 1 000 000 USD
0,02-0,2% van het bedrijfsresultaat
0,15%-1,5% van het nettoresultaat
Minimale publiciteit, lokaal
Medium 41-60% kans 1 000 000 - 2 500 000 USD
0,2-0,5% van het bedrijfsresultaat
1,5%-3,5% van het nettoresultaat
Lokaal voorpaginanieuws of eenmalige
internationale publiciteit
Hoog 61-80% kans 2 500 000 - 5 000 000 USD
0,5-1% van het bedrijfsresultaat
3,5%-7% van nettoresultaat
Meerdere dagen internationale dekking
Absoluut 81-100% kans > 5 000 000 USD
<1% van het bedrijfsresultaat
>7% van nettoresultaat
Meerdere dagen internationale dekking,
terugkerend over maanden, langdurige
effecten

Impact

Om te evalueren of de geïdentificeerde impact van materieel zijn voor EXMAR, worden de volgende scoringscriteria gedefinieerd: schaal, reikwijdte, onomkeerbaar karakter en waarschijnlijkheid. Onherstelbaarheid is alleen van toepassing op negatieve effecten en waarschijnlijkheid wordt alleen overwogen voor potentiële effecten. De beschrijvende uitleg van de impactdrempels is:

  • Schaal:
    • Milieu: Er is een impact op het milieu en de impact op het ecosysteem
    • Persoonlijk letsel/ziekte: Meer dan één LWC, PPD of PTD
    • Welzijn: Substantiële impact op het welzijn van mensen
  • Reikwijdte:
    • Meerderheid van schepen van het bedrijf en verschillende landen (onafhankelijk van het continent)
    • Vanaf 2/3 van het bedrijf
  • Onomkeerbaar karakter: Mogelijk beheersbaar, impact kan hoogstwaarschijnlijk worden hersteld
  • Waarschijnlijkheid: Vanaf 2/3 kans

Wanneer we de scoringscriteria vertalen naar wiskundige termen, komt deze drempelwaarde overeen met een waarde van 3,5.

Aangezien dit het eerste jaar is dat EXMAR de dubbele materialiteit toepast, zullen mogelijke veranderingen in deze analyse worden gerapporteerd vanaf 2025.

Schaal Reikwijdte Onomkeerbaar
karakter
Waarschijnlijkheid
Score Milieuimpact
- op lange
termijn
Persoonlijke
schade/ziekte
Welzijn
Minimaal /
gelimiteerd
Minimale of
verwaarloosbare
impact op het
milieu
Eerste hulp of
ongeval met
aangepast werk
(RWC)
Hoofdpijn,
misselijkheid,
lichte uitslag,
leidend tot
minimaal
werkverzuim
Minimale
impact
op het
welzijn van
mensen
Lokaal (op één
schip, kleine
stad)
Minder dan
20% van
EXMAR Groep
Zeer gemakkelijk
te verhelpen of
impact is van
tijdelijke aard
0-20% kans
Laag / gecon
centreerd
Geringe impact
op het milieu,
maar geen
impact op het
ecosysteem op
de lange termijn
Ongeval met
medische
behandeling
(MTC),
Hoofdpijn,
misselijkheid,
uitslag, burn out,
leidend tot
werkverzuim
Lage
impact
op het
welzijn van
mensen
Regionaal
(op meerdere
schepen, een
stad)
Tussen 20%
en 40% van
EXMAR Groep
Relatief
eenvoudig te
verhelpen, impact
kan worden
hersteld
21-40% kans
Medium Er is een impact
op het milieu
en een kleine
impact op het
ecosysteem
Ongeval met
tijdelijke arbeid
songeschiktheid
(LWC), ongeval
met blijvende
gedeeltelijke of
volledige arbeid
songeschiktheid
(PP/TD)
Lokale gezond
heidsuitbraak
(voedselvergiftig
ing, COVID, )
Middel
matige
invloed
op het
welzijn van
mensen
Land (op
de meeste
schepen,
verschillende
regio's in één
land)
Tussen 40%
en 60% van de
EXMAR Groep
Remedie met
inspanning,
impact kan
meestal worden
hersteld
41-60% kans
Hoog / wijd
verbreid
Er is een impact
op het milieu en
een aanzienlijke
impact op het
ecosysteem
Gebeurtenis
die leidt tot één
sterfgeval
Beroepsziekten
Grote
invloed
op het
welzijn van
mensen
Continentaal
(alle schepen,
verschillende
landen in één
continent)
Tussen 60%
en 80% van de
EXMAR Groep
Zeer moeilijk te
verhelpen of zeer
duur
61-80% kans
Absoluut /
wereldwijd /
totaal
Directe en
dreigende
impact op het
milieu en het
ecosysteem
Gebeurtenis met
meerdere doden
tot gevolg
Absolute
impact
op het
welzijn van
mensen
Wereldwijd
Meer dan 80%
van EXMAR
Groep
Onomkeerbaar 81-100% kans

1.3.1.5 Tijdshorizonten

EXMAR heeft de volgende tijdshorizonten gedefinieerd die gebruikt worden bij de beoordeling van de dubbele materialiteit:

  • Korte termijn = huidige verslagperiode (binnen één jaar)
  • Middellange termijn = 1 jaar tot 5 jaar
  • Lange termijn = meer dan 5 jaar

De definitie van de tijdshorizonten is gebaseerd op de ESRS-verordening en zal jaarlijks worden herzien en bijgewerkt. Gezien de onzekerheid van voorspellingen die langer dan vijf jaar duren, wordt er geen onderscheid gemaakt tussen perioden van meer dan vijf of tien jaar. Effecten die inherent onvoorspelbaar zijn (bv. dodelijke slachtoffers) worden onder de langetermijnhorizon geschaard.

1.3.2 Materiële impacts, risico's en kansen (IRO's)

1.3.2.1 Overzicht

In overleg met de stakeholders identificeerde EXMAR in totaal 71 impacten, zowel positieve als negatieve. Van die 71 impacten werden er 17 geïdentificeerd als belangrijke impacten, verdeeld over: S1 Eigen personeel, G1 Zakelijk gedrag en E1 Klimaatverandering.

Naast deze materiële impacts zijn er in totaal 67 duurzaamheidsrisico's en kansen geïdentificeerd. De resulterende 4 materiële risico's en kansen zijn eveneens verdeeld over: S1 Eigen personeel, G1 Zakelijk gedrag en E1 Klimaatverandering.

Hoe deze materiële negatieve en positieve effecten mensen of het milieu beïnvloeden (of waarschijnlijk zullen beïnvloeden) en in welke tijdshorizon, wordt hieronder in detail beschreven.

Om de materiële impact volledig te begrijpen, is het essentieel om de bredere context te begrijpen — de zakelijke relaties, de waardeketen en de stakeholders van EXMAR — zoals hierboven beschreven. De kernactiviteiten en zakelijke relaties van het bedrijf dienen als basis voor het succes van de duurzaamheidsstrategie.

De huidige en verwachte effecten van materiële impacts, risico's en kansen worden actief gecontroleerd en geëvalueerd. Deze effecten reiken verder dan de directe activiteiten, omvatten de bredere waardeketen en beïnvloeden de strategische richting. Dit wordt hieronder per ESG-onderwerp beschreven.

Om de uitdagingen en opportuniteiten aan te gaan, wordt een hele reeks verzachtende maatregelen geïmplementeerd. Deze omvatten de naleving van evoluerende reglementeringen, de afstemming op de industrienormen en de integratie van de eigen maatregelen, procedures en best practices van EXMAR. Samen weerspiegelen deze inspanningen het streven van EXMAR naar veerkracht en proactief beheer. De details van deze maatregelen, met inbegrip van de themaspecifieke beleidslijnen en maatregelen, worden in dit duurzaamheidsverslag gepresenteerd. Ze bieden transparantie over de (geplande) reactie op deze materiële effecten op een manier die de strategische doelstellingen op lange termijn ondersteunt.

De integratie van alle materiële IRO's in het algehele managementsysteem onderstreept het strategische belang ervan. De inzichten uit de dubbele beoordeling van de materialiteit worden niet behandeld als op zichzelf staande bevindingen, maar worden verweven in de lopende processen van het bedrijf om opportuniteiten te identificeren, te beoordelen en te beheren. Op die manier worden duurzaamheidsoverwegingen geïntegreerd in het bestuur, de strategische planning en de operationele besluitvorming van EXMAR, wat zowel de financiële prestaties als de positieve impact voor de stakeholders en het milieu bevordert.

EXMAR aanvaardt de duurzaamheidsuitdagingen met beide handen en is ervan overtuigd dat zijn huidige strategie en bedrijfsmodel veerkrachtig zijn en problemen tot in de kern oplossen, met respect voor mens en milieu. EXMAR concentreert zich op de belangrijkste ESG-input en levert die met de juiste kwaliteit en op tijd, en grijpt elke tegenslag aan als een kans om nog meer te leveren.

1.3.2.2 Financiële blootstelling

De belangrijkste financiële blootstelling van EXMAR heeft te maken met investeringen, veiligheid, arbeidskosten en naleving van de regelgeving.

Investering in nieuwe technologie

EXMAR houdt toezicht op de bouw van zes middelgrote gastankers bij HD Hyundai Mipo in Zuid-Korea en verwierf een nieuwbouwcontract van Avance Gas bij CIMC Sinopacific voor vier bijkomende middelgrote gastankers. Vier schepen zullen uitgerust worden met de

allernieuwste dual-fuel ammoniakmotoren, waarmee EXMAR een pionier wordt in het gebruik van schonere en duurzamere maritieme brandstoffen. Alle andere schepen zullen werken met LPG-motoren die zowel een grotere brandstofflexibiliteit als aanzienlijk lagere emissies bieden.

Het geïnvesteerde bedrag voor 2025 bedraagt in totaal USD 233 miljoen in joint venture.

Blootstelling aan veiligheid

Operationele risico's, zoals defecten aan schepen, hebben potentiële financiële gevolgen. Een opmerkelijk voorbeeld zijn de onverwachte pechkosten van vorig jaar voor een van onze middelgrote schepen van ongeveer USD 1 miljoen, waarvan een aanzienlijk bedrag (tot 20%) kan worden teruggevorderd via verzekeringsdekking. Dit onderstreept het belang van preventief onderhoud en risicobeperkende strategieën.

Hogere arbeidskosten

Met de introductie van nieuwe schepen onder Franse vlag worden we geconfronteerd met strengere arbeidsvoorschriften. Een analyse op vergelijkbare basis wijst op een extra jaarlijkse kost van ongeveer USD 200.000 per schip, als gevolg van de vereisten voor de samenstelling van de bemanning (21 bemanningsleden per schip, met 25% in de EU gestationeerd personeel).

Blootstelling aan regelgevingskosten

Koolstofintensiteitsindicator (CII): Onze schepen hebben momenteel gunstige ratings, waardoor de financiële impact voor 2025 minimaal is.

EU-emissiehandelssysteem (EU ETS): We kunnen te maken krijgen met een blootstelling van 8.000 EU emissierechten (EUA) tegen een huidige prijs van EUR 75 per EUA. Hoewel contracten bepalen dat bevrachters verantwoordelijk zijn voor deze kosten, kan niet-naleving juridische en financiële risico's met zich meebrengen.

Onze proactieve inspanningen op het gebied van compliance en risicobeheer zijn erop gericht deze risico's te beperken en tegelijkertijd een duurzame en verantwoorde bedrijfsvoering te garanderen.

Vanaf volgend jaar zullen, indien van toepassing, wijzigingen in materiële impacts, risico's en kansen ten opzichte van de vorige rapportageperiode worden aangegeven.

1.3.2.3 E1 - Klimaatverandering

Na zorgvuldige analyse zijn de volgende 9 impacten en 1 financieel risico van wezenlijk belang voor EXMAR:

Positieve effecten

■ Overstappen op een andere brandstof. Klanten krijgen een methode aangereikt om over te stappen van houtverbranding, kolen en olie naar alternatieve koolstofarme brandstoffen (gasmoleculen).

■ Ammoniak als meststof. Ondanks de aanzienlijke milieu-impact van grijze ammoniak, is het belangrijk om te erkennen dat van ammoniak afgeleide stikstofmeststoffen naar schatting de voedselproductie van bijna de helft van de wereldbevolking ondersteunen. Dit onderstreept de cruciale rol van ammoniaktransport in de strijd tegen honger en het waarborgen van wereldwijde voedselzekerheid.

Negatieve invloeden

  • De investeringsportefeuille vormt het grootste deel (48%) van de scope 3 emissies. Dit is voornamelijk te wijten aan het feit dat het grootste deel van de lpg-vloot van mgc deel uitmaakt van een joint venture met seapeak.
  • Schepen die op conventionele brandstof varen en broeikasgassen uitstoten, vertegenwoordigen een aanzienlijk deel (35%) van de scope 3-emissies.
  • De infrastructuureenheden gebruiken conventionele brandstoffen om te werken, dit omvat het laatste significante deel (9%) van de scope 3-emissies.
  • De broeikasgasemissies gerelateerd aan productie, transport van reserveonderdelen & diensten en zakenreizen. De operaties en het onderhoud van de vloot, de daarmee samenhangende reizen van de bemanning en de inkoop worden voornamelijk intern georganiseerd.
  • Het transport en de transformatie van koolwaterstoffen is de kernactiviteit van EXMAR. De klanten van EXMAR dragen onrechtstreeks bij tot de uitstoot van broeikasgassen, aangezien de winning van koolwaterstoffen veel broeikasgasemissies met zich meebrengt en geen hernieuwbare energiebron is.
  • Transport van schaliegas, het hydraulisch breken van gas heeft een grotere impact op het milieu dan conventioneel aardgas.
  • Vervoer van grijze ammoniak. EXMAR vervoert voornamelijk grijze ammoniak (emissie-intensieve extractie), hoewel de schepen ook koolstofarme ammoniak kunnen vervoeren.

Financieel risico

■ De energietransitie is aan de gang en verschuift van olie en gas naar meer elektrificatie, de inzet van duurzame energie, distributie- en opslaginfrastructuur en de toepassing van opkomende koolstofarme technologieën zoals biogas, groene waterstof en ammoniak. Dit leidt tot investeringen in schepen die varen op alternatieve brandstoffen (LPG of ammoniak) of schepen en infrastructuureenheden die gebruik kunnen maken van walstroom. Gezien de leeftijd van de vloot - de gemiddelde leeftijd van de schepen is 12,29 jaar - is EXMAR niet genoodzaakt om een deel van haar vloot te verkopen.

De energietransitie is geïdentificeerd als een klimaatgerelateerd transitierisico.

Bijgevolg heeft EXMAR geen materiële klimaatgerelateerde fysieke risico's geïdentificeerd in zijn activiteiten of in de Waardeketen. EXMAR voert zeer grondige veiligheidsstudies uit bij de bouw van schepen (schepen of infrastructuureenheden) om er zeker van te zijn dat ze ontworpen zijn om stormen te weerstaan en om de effecten van de Klimaatverandering op zee te bestrijden.

Voor de huidige beoordeling van de overgangsrisico's gebruikt EXMAR één klimaatgerelateerd scenario: het IMO-traject dat de wereldwijde temperatuurstijging wil beperken tot ruim onder de 2°C boven het pre-industriële niveau en de inspanningen wil voortzetten om de stijging te beperken tot 1,5°. Hoewel de scheepvaartsector niet rechtstreeks betrokken is bij en afgestemd is op het Overeenkomst van Parijs, is EXMAR ervan overtuigd dat de aanpak van de klimaatcrisis een collectieve maatregel vereist die de grenzen en de zeeën overschrijdt.

In de loop van 2025 zullen verschillende klimaatgerelateerde scenario's worden beoordeeld in samenwerking met een klimaatexpert van buiten de organisatie. Wanneer verschillende klimaatgerelateerde scenario's worden opgenomen, zullen zowel het fysieke risico als het overgangsrisico opnieuw worden geëvalueerd.

In deze analyse zal EXMAR ervoor zorgen dat de link wordt gelegd met haar bedrijfsplan en de bijbehorende jaarrekening.

1.3.2.4 S1 - Eigen personeel

EXMAR identificeerde 5 belangrijke positieve effecten, 2 belangrijke negatieve effecten en 2 belangrijke risico's voor het eigen personeel:

Positieve impact

  • De veiligheid van zeevarenden en werknemers bevorderen: EXMAR verbindt zich ertoe de hoogste normen toe te passen en streeft ernaar de industrienormen te overtreffen via innovatieve processen met respect voor zijn personeel en de omgeving waarin het actief is. De HSEQ-afdeling van EXMAR zoekt voortdurend naar manieren om de processen te optimaliseren en de prestaties van het bedrijf te verbeteren.
    • Beleid en procedures worden opgesteld om ervoor te zorgen dat werknemers en zeevarenden in een veilige en gezonde omgeving kunnen werken.
    • De EXMAR-methode 'Taking The Safety Lead' (TTSL) is een initiatief om mensen naar een veel hoger niveau van veiligheidsvolwassenheid te leiden. Het uiteindelijke doel van TTSL is een cultuur te bekomen waarin men proactief te werk gaat om EXMAR veiligheidsbewustzijn, -gedrag en -praktijken te verbeteren.
  • TTSL is een doeltreffend instrument om de leiderschapsvaardigheden van de kaderleden te ontwikkelen en het potentieel van de juniors te ontsluiten door hun praktische vaardigheden te verankeren in de juiste mindset. TTSL cultiveert en versterkt de perceptie van de werknemer over de manier van werken van EXMAR.
  • Multiculturele omgeving: Het bedrijf bevordert diversiteit, wat leidt tot veel verschillende nationaliteiten, culturen, leeftijden, geslachten aan boord en op kantoor. EXMAR besteedt veel aandacht aan gediversifieerde teams.
  • Vrijheid van vereniging voor werknemers
  • Alle contracten volgens de geldende CAO: Personeel is vrij om collectieve onderhandelingen aan te gaan. Een CAO biedt voordelen voor zeevarenden en kantoorpersoneel in de vorm van betere lonen en voordelen, werkzekerheid, veiligere werkomstandigheden en een sterkere stem op de werkplek.
  • Hoogopgeleid en getraind personeel en kantoorpersoneel: Ontwikkeling van mensen volgens de regelgeving die van toepassing is op de sector en verder gaan dan de regelgeving, het cultiveren van intern talent. De sector van de maritieme gasindustrie vereist specifiek opgeleide mensen en er bestaan relevante opleidingsprogramma's om de competentie van het personeel te ondersteunen.

Negatieve impact

Als er zich een materiële negatieve impact voordoet, is deze gerelateerd aan individuele incidenten en niet wijdverspreid of systematisch aanwezig in de organisatie.

  • Werken in een gevaarlijke omgeving kan leiden tot
    • Persoonlijk letsel met een hoge ernst Ongeval met arbeidsongeschiktheid (LTI) - zoals een Tijdelijke arbeidsongeschiktheid (LWC), blijvende gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid (PPD), blijvende volledige arbeidsongeschiktheid (PTD) of zelfs een overlijden.
    • Potentiële burn-outs.
  • Er wordt voortdurend geïnvesteerd in adequate huisvesting aan boord voor onze bemanning en voor kantoormensen die verhuizen.
    • Het schip is de thuis van de zeevarende voor een periode van weken/maanden. EXMAR-schepen die na 2013 werden gebouwd, zijn ontworpen volgens de MLC-voorschriften.
    • Kantoorpersoneel dat voor maanden/jaren verhuist. Kantoorpersoneel begeleiden bij integratie in het lokale land.

Financiële risico's

Voor alle geïdentificeerde impacts hebben we gekeken naar de bijbehorende risico's en kansen. Dit resulteerde in twee financiële risico's die verband houden met de CAO's en de veiligheid van het eigen personeel.

  • Een veiligheidsongeval kan plaatsvinden als gevolg van een ongeval of een defect aan veiligheidskritische apparatuur, wat leidt tot
    • Huuronderbreking, hoge reparatiekosten, vertragingen en 'total loss' van een schip of project.
    • Persoonlijk letsel en potentiële burn-outs.
  • CAO's kunnen de flexibiliteit van het management beperken op gebieden als planning, werkopdrachten of ontslagen tijdens economische recessies. Onderhandelde loonsverhogingen, verbeterde secundaire arbeidsvoorwaarden en kortere werktijden kunnen de arbeidskosten van het bedrijf direct verhogen.

Sectorspecifieke personeelsrisico's

EXMAR voerde een gestructureerde risicobeoordeling uit van het personeel via directe betrokkenheid door middel van enquêtes en analyse van gegevens uit incidentenrapporten en veiligheidsaudits om het personeel met een verhoogd risico op schade te identificeren. Factoren zoals gevaarlijke werkomgevingen, individuele demografische kwetsbaarheden en de aard van de uitgevoerde activiteiten worden systematisch geëvalueerd. Van werknemers die bijvoorbeeld werken op schepen die gevaarlijke materialen hanteren, wordt vastgesteld dat ze een verhoogd risicoprofiel hebben.

Het volledige personeelsbestand is opgenomen bij de beoordeling. De meeste geïdentificeerde IRO's zijn echter relevanter voor zeevarenden, aangezien schepen een gevaarlijkere omgeving vormen in vergelijking met een kantooromgeving. Daarom zijn de veiligheidsmaatregelen en bijbehorende training aanzienlijk uitgebreider voor zeevarenden of kantoorpersoneel dat de vloot vaak bezoekt.

Bovendien is het essentieel om te erkennen dat transitieplannen die gericht zijn op het verminderen van de milieueffecten en het bereiken van groenere, klimaatneutrale activiteiten ook gevolgen hebben voor het personeel. De overgang naar alternatieve brandstoffen zoals LPG of ammoniak stelt strengere eisen aan training en kwalificatie. Terwijl het bedrijf uitgebreide ervaring heeft met het beheer van LPG en ammoniak als vracht, vereist het gebruik ervan als brandstof extra veiligheidsmaatregelen en gespecialiseerde technische expertise.

De risico's op incidenten met dwangarbeid en/ of verplichte arbeid in de maritieme en offshore sector worden beperkt en beheerst door beleid en procedures die zijn opgesteld in overeenstemming met de toepasselijke wettelijke vereisten (bijv. Maritime Labor Convention 2006 (MLC)). In deze vereisten, beleidsregels en procedures worden de risico's van incidenten met kinderarbeid in de maritieme en offshore sector beperkt en beheerst.

Hoewel de EXMAR Groep actief is op verschillende locaties over de hele wereld met verschillende risicoprofielen, worden de toepasselijke internationale, regionale, lokale en klantspecifieke vereisten geïdentificeerd en nageleefd, zowel voor activiteiten aan wal als aan boord.

Dit omvat de voortdurende strijd tegen gedwongen of verplichte arbeid en kinderarbeid. De vastgelegde beleidslijnen (Duurzaamheid, Anti-intimidatie, Non-discriminatie) en procedures zijn van toepassing in alle entiteiten van de EXMAR Groep en worden geïmplementeerd in alle geografische gebieden waar activiteiten plaatsvinden.

1.3.2.5 G1 - Zakelijk gedrag

EXMAR identificeerde 1 materieel risico en 1 materiële impact met betrekking tot zakelijk gedrag:

Positieve impact

■ Preventie en opsporing van mogelijke corruptie, met inbegrip van omkoping/facilitering. EXMAR leidt zijn werknemers op om mogelijke corruptie, omkoping en smeergeld doeltreffend te voorkomen en op te sporen, zodat naleving en ethische bedrijfspraktijken verzekerd zijn. Dit geeft hen de juiste instrumenten tijdens activiteiten zoals contractonderhandelingen, aanmeren van schepen, douanecontroles en interacties met oneerlijke personen.

Financieel risico

■ Invloed uitoefenen op nieuwe internationale en/of lokale reglementeringen. EXMAR werkt binnen een voortdurend veranderend regelgevend landschap en staat voor de uitdaging om zich aan te passen aan nieuwe en strengere bestaande regelgevingen.

1.3.2.6 Uitleg voor niet-materiële onderwerpen

EXMAR achtte verschillende onderwerpen niet materieel voor zijn organisatie.

Hoewel ESRS E1 Klimaatverandering materieel is voor EXMAR, zijn sommige subonderwerpen niet materieel:

  • ESRS E1-1 Aanpassing aan klimaatverandering
    • Extreme weersomstandigheden die leiden tot onveilige situaties of vertragingen. De schepen van EXMAR zijn gebouwd om slecht weer te weerstaan. Bovendien kunnen schepen schuilen of uitwijken om slecht weer te vermijden.

■ ESRS E1-3 Energie

  • Het totale energieverbruik van EXMAR is minimaal. Zoals zal blijken in het volgende hoofdstuk '3 Milieu', zijn de scope 1- en scope 2-emissies zeer beperkt en dus ook het totale energieverbruik.
  • De volatiliteit van de energie- en grondstoffenmarkt kan leiden tot meer onzekerheid in de financiële planning en prognoses voor belangrijke grondstoffen en tot hogere kosten in verband met risicobeheer. Dit is meer van toepassing in de olie-industrie en minder in de gasindustrie. EXMAR vervoert geproduceerde goederen, die deel uitmaken van een industrieel proces. Bijgevolg werkt EXMAR meestal met contracten op middellange tot lange termijn en slechts in uitzonderlijke gevallen op spotcontract.

Vanwege de nauwe verwevenheid van energie (niet materieel) met Klimaatmitigatie (materieel) is E1-5 opgenomen in het hoofdstuk Milieu.

  • ESRS E2 Pollution is niet materieel voor EXMAR op basis van de volgende overwegingen:
    • Lage feitelijke ernst in geval van ongelukken: In het onwaarschijnlijke geval van een verontreinigingsincident, zou de ernst minimaal zijn dankzij de uitgebreide veiligheidsprotocollen die van kracht zijn. Deze maatregelen beperken de mogelijke gevolgen voor het milieu aanzienlijk.
    • Strikte veiligheidsvoorschriften en toezicht: Alle schepen van EXMAR werken volgens strenge veiligheidsvoorschriften die door internationale maritieme wetten worden opgelegd en regelmatig door vlaggenstaten en klanten worden gecontroleerd. Hierdoor wordt het risico op onbedoelde water- of luchtverontreiniging aanzienlijk beperkt.
    • Verbod op het overboord gooien van afval: EXMAR verbiedt strikt het overboord gooien van niet-voedingsafval op alle schepen, volgens de MARPOL-voorschriften. Dit beleid voorkomt dat microplastic in de oceanen terechtkomt en beschermt de mariene ecosystemen.
    • Irrelevantie van specifieke categorieën van vervuiling: De vervuiling van levende organismen, voedselbronnen of bodem is niet van toepassing op de activiteiten van EXMAR, aangezien de activiteiten van EXMAR geen raakvlakken hebben met deze domeinen.
    • Geen zorgwekkende stoffen: EXMAR vervoert geen stoffen die geclassificeerd zijn als (zeer) zorgwekkend. Dit beperkt de potentiële milieuimpact van zijn activiteiten nog verder.

Concluderend kan worden gesteld dat dankzij deze strenge maatregelen en de aard van de activiteiten, de risico's op vervuiling doeltreffend worden beheerd en beheerst, waardoor de E2-vervuiling voor EXMAR niet materieel is.

  • ESRS E3 Water en mariene rijkdommen is niet materieel voor EXMAR op basis van de volgende overwegingen:
    • Verwaarloosbare wateronttrekking en -lozing: De totale hoeveelheid water die door de schepen van EXMAR aan de oceanen wordt onttrokken en geloosd, is verwaarloosbaar, waardoor de impact op het water en de mariene ecosystemen tot een minimum wordt beperkt.
    • Ballastwaterbehandelingssystemen: De grootste hoeveelheid water die bij de activiteiten wordt gebruikt, wordt behandeld met geavanceerde ballastwaterbehandelingssystemen. Deze systemen zorgen ervoor dat het geloosde water een zeer beperkt effect heeft op de waterkwaliteit en de mariene hulpbronnen.

Concluderend: door de minimale wateronttrekking en -lozing en de doeltreffende behandelingsmaatregelen is de impact op water en mariene rijkdommen verwaarloosbaar, waardoor E3 Water en mariene rijkdommen voor EXMAR niet materieel is.

  • ESRS E4 biodiversiteit en ecosystemen is niet materieel voor EXMAR, op basis van de volgende overwegingen:
    • Beperkte invloed op oorzaken van biodiversiteitsverlies: De activiteiten hebben geen directe invloed op de belangrijkste oorzaken van het verlies aan biodiversiteit, zoals veranderingen in landgebruik, zoetwatergebruik, gebruik van de zee of klimaatverandering.
    • Minimale invloed op soorten en habitats: De activiteiten van het bedrijf hebben een verwaarloosbare impact op de toestand van soorten, met inbegrip van de populatiegrootte en het risico op uitsterven. EXMAR is niet actief in risicogebieden die bekend staan om belangrijke biodiversiteitsproblemen.
    • Strikte milieuvoorschriften in internationale wateren: EXMAR is actief in internationale wateren en leeft strikte milieureglementeringen na. De maatregelen omvatten robuuste protocollen aan boord om de introductie van invasieve vreemde soorten te voorkomen en een minimale verstoring van het milieu te garanderen.
    • Niet-afhankelijkheid van ecosysteemdiensten: Het bedrijfsmodel van EXMAR is niet afhankelijk van ecosysteemdiensten, wat de directe of indirecte impact op de biodiversiteit nog vermindert.

Gezien deze factoren wordt E4 niet beschouwd als materieel voor de duurzaamheidsrapportering van EXMAR, aangezien de bedrijfsactiviteiten van EXMAR inherent slechts een beperkte relevantie hebben op dit gebied.

  • ESRS E5 Grondstoffengebruik en circulaire economie is niet materieel voor ons bedrijf op basis van de volgende factoren:
    • Beperkte rol in de circulaire economie: Het bedrijf neemt niet actief deel aan de circulaire economie. De schepen in eigendom worden verkocht lang voordat ze hun recyclingleeftijd hebben bereikt. Bovendien is in verkoopcontracten een essentiële clausule opgenomen die vereist dat het schip na de verkoop nog minstens een jaar operationeel blijft, zodat het verder kan worden gebruikt in plaats van onmiddellijk te worden gerecycled.
    • Geen levering van eindproducten: Als dienstverlener levert EXMAR geen eindproducten. Dit betekent dat EXMAR niet rechtstreeks betrokken is bij productlevenscycli of overwegingen rond hergebruik, recyclage of afvalbeheer op consumentenniveau.
    • Minimaal gebruik van grondstoffen en afvalproductie: De aard van de activiteiten vereist minimale grondstoffen en de hoeveelheid geproduceerd afval is relatief laag. De focus op diensten in plaats van productie of zware industriële activiteiten vermindert het materiaalverbruik en de afvalvoetafdruk aanzienlijk.

Gezien deze factoren is E5 niet materieel voor de duurzaamheidsrapportering van EXMAR, aangezien de omvang van de activiteiten inherent de relevantie voor het gebruik van hulpbronnen en de circulaire economie minimaliseert.

  • ESRS S2 werknemers in de Waardeketen is niet materieel voor het bedrijf om de volgende redenen:
    • Beperkte interactie met werknemers in de waardeketen: De aard van de activiteiten, die voornamelijk plaatsvinden in internationale wateren of als dienstverlener in lokale projecten, beperkt inherent de interactie met werknemers in de waardeketen.
    • Strikte naleving van bedrijfsprocedures: Wanneer werknemers van de waardeketen van EXMAR aan boord van de schepen komen, moeten zij de vastgestelde gezondheids-, veiligheids- en algemene werkomstandighedenprocedures van het bedrijf naleven. Deze maatregelen creëren consistente normen voor al het personeel aan boord, ongeacht hun arbeidsrelatie.
    • Servicegericht bedrijfsmodel: Als dienstverlener is het operationele model niet sterk afhankelijk van uitgebreide activiteiten in de waardeketen waarbij grote aantallen externe werknemers betrokken zijn. Dit vermindert het belang van risico's of gevolgen in verband met arbeidskwesties in de waardeketen.

In het licht van deze overwegingen werd bepaald dat S2 niet materieel is voor de duurzaamheidsrapportering, aangezien de reikwijdte en de context van de activiteiten van EXMAR slechts een beperkte relevantie hebben voor de aandachtspunten die in deze norm aan bod komen.

  • ESRS S3 getroffen gemeenschappen is niet materieel voor het bedrijf op basis van de volgende factoren:
    • Activiteiten in internationale wateren: Een aanzienlijk deel van de activiteiten vindt plaats in internationale wateren, waar geen directe interactie is met lokale gemeenschappen.
    • Dienstgerichte projecten in lokale gebieden: In gevallen waar EXMAR actief is als dienstverlener in lokale projecten, blijft haar engagement gericht op het leveren van specifieke diensten eerder dan op interactie met de lokale gemeenschappen over economische, sociale, culturele, burgerlijke of politieke aangelegenheden.
    • Minimale impact op de gemeenschap: Het operationele model brengt geen significante betrokkenheid bij of invloed op lokale gemeenschappen, hun rechten of hun welzijn met zich mee. Dit beperkt uiteraard de materiële relevantie van gemeenschapsgerelateerde zorgen voor de activiteiten van het bedrijf.

Gezien deze factoren werd S3 als niet-materieel beschouwd voor de duurzaamheidsrapportering, aangezien de aard van de activiteiten van EXMAR inherent de relevantie voor de bezorgdheden die in deze norm aan bod komen, minimaliseert.

  • ESRS S4 consumenten en eindgebruikers is niet materieel voor het bedrijf op basis van de volgende factoren:
    • Business-to-business (B2B) bedrijfsmodel: De onderneming opereert uitsluitend binnen een business-to-business (B2B) kader. Als dusdanig heeft EXMAR geen directe relaties met individuele eindgebruikers of consumenten.
    • Geen consumentgerichte goederen of diensten: Klanten verwerven, verbruiken of gebruiken de goederen of diensten van EXMAR niet voor persoonlijk gebruik. Hierdoor wordt elke mogelijke impact op of verantwoordelijkheid voor individuele consumenten of eindgebruikers verder geminimaliseerd.
    • Dienstgerichte activiteiten: Als dienstverlener zijn de activiteiten van EXMAR eerder gericht op het vervullen van contractuele verplichtingen tegenover andere bedrijven dan op het leveren van producten of diensten aan de consumentenmarkt.

Gezien deze overwegingen is S4 niet materieel voor de duurzaamheidsrapportering, aangezien de afwezigheid van eindgebruikers of consumenten in het bedrijfsmodel van EXMAR de bezorgdheden die onder deze norm aan bod komen, irrelevant maakt voor haar activiteiten.

1.4 GEGEVENSVERZAMELING

1.4.1 Risicobeoordeling rapporteren

De interne ESG-controlesystemen van EXMAR voor het duurzaamheidsrapporteringsproces bestrijken de volledige rijkweidte en zijn afgestemd op de doelstellingen, de omvang en de operationele complexiteit van de onderneming. Deze rapportering wordt nauwlettend opgevolgd via het interne controlesysteem van EXMAR, dat ontwikkeld en geïmplementeerd wordt onder leiding van het management, om een efficiënte werking te garanderen, het gebruik van de middelen te optimaliseren en een gezonde besluitvorming te ondersteunen.

In onze risicobeoordeling hebben we niet alleen de kwaliteit van de verslaglegging meegenomen, maar ook de afstemming op de verwachtingen van stakeholders en wettelijke vereisten.

De belangrijkste geïdentificeerde risico's voor onze ESG-rapportering houden verband met de gegevens van de waardeketen van EXMAR. Aangezien de duurzaamheidsrapportering in 2024 toenam en er veel meer externe stakeholders bij betrokken waren, hebben we de risico's in verband met de nauwkeurigheid en volledigheid van de gegevens herzien en een bredere reeks interne controles geïmplementeerd.

Deze controles worden systematisch geïntegreerd in de interne functies en processen van EXMAR. Bij deze aanpak zijn verschillende afdelingen betrokken, waaronder technische, financiële en operationele afdelingen, maar ook gespecialiseerde functies zoals HR, crewing en Health, Safety, Environment, and Quality (HSEQ).

Als een van deze interne controles leidt tot significante bevindingen, worden deze gerapporteerd door de Key Risk Officers en op hun beurt, indien nodig, aan de Audit- en Risicocommissie op kwartaalbasis, zoals verder beschreven.

1.4.2 EXMAR gegevensverzameling

De ESG-taakgroep is verantwoordelijk voor het ontwikkelen, verzamelen en beveiligen van de gegevens.

De verzameling van ESG-gegevens binnen de waardeketen van EXMAR bevindt zich in een beginstadium. Deze inspanningen vormen een tussentijdse oplossing terwijl uitgebreidere en nauwkeurigere methoden voor het verzamelen van gegevens over de hele waardeketen worden ontwikkeld. Bijgevolg heeft EXMAR zich gebaseerd op schattingen (indirecte bronnen) voor de volgende meetstaven:

Emissiegegevens

  • Kantoor:
    • Scope 1 Brandstofverbruik voor verwarming en koeling
    • Scope 2 Elektriciteitsverbruik voor verwarming, koeling en verlichting
    • Scope 3 Woon-werkverkeer van werknemers, afvalbeheer en hotelovernachtingen
  • Scheepsgegevens:
  • Scope 1: Koelmiddelverbruik van schepen in eigendom
  • Scope 3 categorie investeringen: Koelmiddelverbruik van JV-schepen

Sociale gegevens

Totaal aantal gewerkte uren van kantoorpersoneel

Een gedetailleerde uitleg van de gemaakte schattingen:

  • Scope 1
    • Brandstofverbruik voor verwarming of koeling
      • De werkelijke grootte van de kantoorruimte (voorkeur) Werkelijk totaal m2 * CO2 -equivalent/ jaar
      • Het aantal mensen dat op kantoor werkt Aantal mensen in kantoor * Gemiddeld m2 kantoor per persoon * CO2 equivalent/ jaar
    • Lekkage koelmiddelen

-equivalent/jaar

  • Hoeveelheid gekochte koelmiddelen * CO2 -equivalent
  • Scope 2
    • Elektriciteitsverbruik voor verwarming, koeling en/of verlichting
    • De werkelijke grootte van de kantoorruimte (voorkeur) Werkelijk totaal m2 * factor voor kWh-gebruik per jaar *
    • Het aantal mensen dat op kantoor werkt Aantal mensen op kantoor * factor voor kWh-gebruik per jaar * Gemiddeld m2 kantoor per persoon * CO2 -equivalent/jaar

Scope 3

CO2

  • Woon-werkverkeer werknemer
    • Aantal personen die met de auto reizen (niet in eigendom van of geleased door EXMAR) * Gemiddelde afgelegde afstand (km) per werkdag per werknemer * CO2 -equivalent voor een middelgrote dieselwagen
  • Kantoorafval
    • Aantal mensen op kantoor * CO2 -equivalent voor kantoorafval/jaar
  • Zakenreizen hotelovernachtingen
    • Aantal overnachtingen in hotel * CO2 -equivalent voor hotelverblijf in dat specifieke land
  • Lekkage koelmiddelen (JV schepen)
    • Hoeveelheid gekochte koelmiddelen * CO2 -equivalent
  • Aankoop van schepen, goederen en diensten
    • Bestedingsgericht

Gewerkte uren van kantoorpersoneel

  • Aantal uren dat mensen contractueel per dag werken * gemiddeld aantal werkdagen per kwartaal

EXMAR is van mening dat bovenstaande schattingen een minimaal effect hebben op de nauwkeurigheid van de gegevens om de volgende redenen:

  • Scope 1- en Scope 2-emissies zijn slechts 0,9% van de totale broeikasgasemissies.
  • Scope 3-emissies, de belangrijkste emissies bevinden zich in het brandstofverbruik van het schip en dat zijn actuele gegevens.
  • Het aantal gewerkte uren van kantoorpersoneel is minimaal vergeleken met het aantal gewerkte uren van zeevarenden

Hoewel de schattingen een minimaal effect hebben, zal de nauwkeurigheid van de emissiegegevensverzameling in de toekomst worden verhoogd. EXMAR zal de volgende maatregelen nemen:

  • Scope 1-2 Verkrijgen van actuele gegevens van eigenaars van gebouwleases
  • Scope 3 Verkrijg actuele gegevens van belangrijke leveranciers om af te stappen van berekeningen op basis van uitgaven

Als conclusie heeft EXMAR geen kwantitatieve gegevens of geldbedragen met een hoge mate van meetonzekerheid.

DUURZAAMHEIDSSTRATEGIE EN -DOELEN

1.4.3 Zorg voor vandaag, respect voor morgen

In de volgende hoofdstukken wordt het ESG-motto van EXMAR 'Zorg voor vandaag, Respect voor morgen' verder uitgewerkt. EXMAR respecteert de algemene ESG-principes in zijn dagelijkse activiteiten. Deze principes worden vertaald in acht praktische kernkwaliteiten, die verankerd zijn in de strategische beslissingen en in de dagelijkse activiteiten. Ze zijn samengevat in het duurzaamheidsbeleid van EXMAR, waaruit blijkt dat ESG is ingebed in het bestuur, de strategie en het bedrijfsmodel.

SDG IRO Strategie
Zorg voor vandaag,
respect voor morgen
Maatregelen in 2024 Geplande maatregelen Tijdschema
geplande
maatregelen
MILIEU
Gasmoleculen als
overgang
2 VLGC met dual-fuel motor
(LPG)
Schepen op LPG als
overgangsbrandstof
Korte termijn
De dialoog aangaan met
stakeholders om schepen zonder
dual-fuelmotoren schonere
brandstoffen te laten gebruiken,
zoals biobrandstofmengsels
Middellange
termijn
Varen op
conventionele
brandstof
Korte termijn
Sterk ontwerp 2 oudere conventionele
brandstofschepen verkocht
in 2024
Een deel van de oudere
conventionele brandstofschepen
verkopen
Korte termijn
Efficiënte werking Energie-efficiëntie verhogen
door scheepsoperaties te
optimaliseren (SEEMP &
Energiehandboek in SMS)
ISO 50001
(energiebeheersysteem)
certificaat
Korte termijn
Personeel opleiden in
energie-efficiëntie
Bedrijfsspecifieke energietraining
voor bemanning
Korte termijn
Emissies bijhouden via
meer digitalisering en
prestatiemonitoring,
waardoor de prestaties van
schepen grondiger kunnen
worden geanalyseerd
De integratie van digitale
platforms in het hele bedrijf
stroomlijnen en het automatisch
monitoren en delen van
sensorgegevens uitbreiden
Middellange
termijn
Hoge
regelgevingsstandaard
Regelgevende rapportage
van emissies a/p EU MRV, UK
MRV en IMO DCS
Follow-up van EEXI-norm voor
bestaande schepen en CII in lijn
met regelgeving
Korte termijn

3.1 De duurzaamheidsreis van EXMAR

SDG IRO Strategie
Zorg voor vandaag,
respect voor morgen
Maatregelen in 2024 Geplande maatregelen Tijdschema
geplande
maatregelen
Infrastruc
tuureenheden
die conventio
nele brandstof
fen gebruiken
Korte termijn
Sterk ontwerp Eemshaven op walstroom Investeren in walstroom
of restwarmteopvang
voor toekomstige
infrastructuureenheden
Middellange
termijn
Innovatie en techniek Drijvende infrastructuur voor
opslag en transformatie van
blauwe en groene moleculen
wordt onderzocht
Lange termijn
Efficiënte werking Energie-efficiëntie verhogen
door scheepsactiviteiten
te optimaliseren
(Energiehandboek in SMS)
ISO 50001
(energiebeheersysteem)
certificaat
Korte termijn
Personeel opleiden in
energie-efficiëntie
Bedrijfsspecifieke energietraining
voor bemanning
Korte termijn
Investerings
portefeuille
Korte termijn
Sterk ontwerp Joint venture - 1
conventioneel
brandstofschip verkocht
in 2024
Oudere tonnage op
conventionele brandstof te
koop aanbieden met het oog op
vlootvernieuwing
Korte termijn
Gasmoleculen als
overgang
Joint venture - investeren in
een nieuwe vloot van dual
fuel schepen die LPG kunnen
verbranden
Nieuwe schepen varen op
LPG als overgangsbrandstof
Middellange
termijn
Joint venture - investeren in
een nieuwe vloot van dual
fuel schepen die ammoniak
kunnen verbranden
Nieuwe schepen varen op
ammoniak
Middellange
termijn
Innovatie en techniek Energie-efficiëntie verhogen
(brandstofverbruik
minimaliseren) door efficiënt
nieuw scheepsontwerp (EEDI)
Uitstoot van
broeikasgassen
gerelateerd
aan productie,
transport van
reserveon
derdelen &
diensten en
zakenreizen
Korte termijn
Efficiënte werking Emissies voor het transport
van reserveonderdelen
bijhouden
Voorbereidingen om logistiek
te consolideren
Korte termijn
Houd de uitstoot van
zakenvluchten bij
De CO2
-uitstoot van elke etappe
visualiseren en de meest
brandstofefficiënte routes
identificeren
Middellange
termijn
Optimaliseer de logistiek van
bemanningswissels, efficiënte
planning en coördinatie
Korte termijn
Een schatting maken van
de broeikasgasemissies
gerelateerd aan
aangekochte goederen
en diensten
Afstappen van schattingen naar
werkelijke emissies voor de
grootste leveranciers
Korte termijn
Investeren in een systeem dat
meer lokale aankopen mogelijk
maakt
Korte termijn
Verbeter de internetconnectiviteit
om online verbinding mogelijk te
maken voor probleemoplossing,
diensten, inspecties en verminder
de noodzaak voor fysieke
aanwezigheid/reizen.
Middellange
termijn
Brandstof Over
gang
Middellange
termijn
Gasmoleculen als
overgang
Klanten een methode
bieden om over te stappen
van houtverbranding, kolen
en olie naar alternatieve
koolstofarme brandstoffen
(gasmoleculen).
Innovatie en techniek Schepen zijn uitgerust
om groene ammoniak te
vervoeren
Investeren in onderzoek en
ontwikkeling van CO₂-dragers
Middellange
termijn
Transport en
omzetting
van koolwater
stoffen
Korte termijn
Innovatie en techniek Infrastructuuroplossingen
spelen een cruciale rol bij
het terugdringen van het
affakkelen bij de winning van
koolwaterstoffen
Investeren in onderzoek en
ontwikkeling van CO₂-dragers
Middellange
termijn

3.1 De duurzaamheidsreis van EXMAR

SDG IRO Strategie
Zorg voor vandaag,
respect voor morgen
Maatregelen in 2024 Geplande maatregelen Tijdschema
geplande
maatregelen
Breng de hoeveelheid
getransporteerd schaliegas
versus conventioneel gas
in kaart.
Korte termijn
Transport van
schaliegas
Korte termijn
Invloed van de industrie Dialoog aangaan met
belanghebbenden om inzicht
te krijgen in hun plannen
voor het uitfaseren van
schaliegas en hoe we hen
kunnen ondersteunen met
koolstofarme logistiek.
Middellange
termijn
Breng de hoeveelheid
getransporteerde grijze
versus blauwe en groene
ammoniak in kaart.
Korte termijn
Transport van
grijze ammo
niak
Korte termijn
Invloed van de industrie Open dialoog met stakeholders
om inzicht te krijgen in hun
transitieplannen van grijze
naar blauwe en groene
ammoniakproductie en
te begrijpen hoe EXMAR
hen kan ondersteunen met
koolstofarme logistiek.
Middellange
termijn
Ammoniak als
meststof
Korte termijn
Invloed van de industrie Van ammoniak afgeleide
stikstofmeststoffen
ondersteunen naar schatting
de voedselproductie
van bijna de helft van de
wereldbevolking.
SOCIAAL
Hoge
regelgevingsstandaard
Veiligheidsbeheersysteem
(SMS) en HSEQ-beleid
Regelmatige audits, certificering
en jaarlijkse SMS-beoordelingen
Korte termijn
Veiligheid van
zeevarenden en
werknemers
Korte termijn
Veiligheid Preventie van
veiligheidsongevallen
via het nemen van de
veiligheidsaanpak
Minimaliseer ongevallen
en incidenten zo veel als
redelijkerwijs mogelijk is
Korte termijn
Veiligheidscampagnes Uitgeven van
veiligheidscampagnes en
delen van incidenten en bijna
ongelukken
Korte termijn
Multiculturele
omgeving
Korte termijn
Handelen als één
familie
Ons bedrijf bevordert
diversiteit, wat leidt
tot veel verschillende
nationaliteiten, culturen,
leeftijden, geslachten aan
boord en op kantoor. EXMAR
besteedt veel aandacht aan
gediversifieerde teams.
Voor onze zeevarenden
zorgen we ervoor dat de drie
grootste nationaliteitsgroepen
samen niet meer dan 65%
van onze totale diversiteit aan
bemanningsleden uitmaken.
Korte termijn
Vrijheid van
vereniging voor
onze werkne
mers
Korte termijn
Handelen als één
familie
Contracten voldoen aan
de toepasselijke collectieve
onderhandelingen
Hoogopgeleide
en getrainde
crew en kan
toorpersoneel
Korte termijn
Hoge
regelgevingsstandaard
Training en tewerkstelling
van gekwalificeerd personeel
in lijn met gedefinieerde
matrices, volgens
internationale en lokale
voorschriften
Verplichte training voor personeel Korte termijn
Veiligheid Training en tewerkstelling
van gekwalificeerd personeel
gaat verder dan naleving van
bedrijfsspecifieke trainingen
Aanvullende training van onze
crew met bedrijfsspecifieke
trainingen
Korte termijn
Overleg met bemanning
en kantoorpersoneel
Bekijk de enquête over
de betrokkenheid van
de bemanning en het
kantoorpersoneel
Korte termijn

3.1 De duurzaamheidsreis van EXMAR

SDG IRO Strategie
Zorg voor vandaag,
respect voor morgen
Maatregelen in 2024 Geplande maatregelen Tijdschema
geplande
maatregelen
Adequate huis
vesting
Hoge
regelgevingsstandaard
Onze schepen die na
2013 zijn gebouwd,
zijn ontworpen volgens
de MLC-voorschriften.
Korte termijn Handelen als één
familie
Begeleid kantoorpersoneel
dat verhuist bij de integratie
in het lokale land.
ZAKELIJK GEDRAG
Invloed
uitoefenen
Hoge
regelgevingsstandaard
Voortdurende opvolging
van nieuwe en bijgewerkte
bestaande wetgeving.
Naleving van toepasselijke
regelgeving
Korte termijn
op (nieuwe)
internationale
en/of lokale
regelgeving
Korte termijn
Invloed van de
industrie
Deelnemen aan
verschillende
industrieorganisaties om
deze regelgevende kaders
te helpen vormgeven.
Kennis nemen van en
deskundige inbreng verschaffen
bij nieuwe wetsontwerpen
Korte termijn
Preventie en
opsporing van
corruptie
Korte termijn
Handelen als
één familie
Medewerkers opleiden
om mogelijke corruptie
effectief te voorkomen
en op te sporen, inclusief
omkoping/facilitering
Nul incidenten door omkoping Korte termijn

1.4.4 Due diligence

Hieronder vindt u EXMAR's overzicht van de duurzaamheid due diligence.

Kernelementen van due diligence Paragraaf
Due diligence verankeren in bestuur, strategie
en bedrijfsmodus
1.3.2 Materiële impacts, risico's en kansen (IRO's)
4.2.2 Verantwoordelijkheid topmanagement
4.2.3 Benoemings- en beloningscommissie
4.2.5 Informatiestroom naar topmanagement
Betrokken belanghebbenden betrekken bij
alle belangrijke stappen van de due diligence
1.2.4 Waardeketen
1.2.5 Stakeholders
1.3.1 Dubbel materialiteitsproces
4.1.1 Exmar Waarden
Nadelige gevolgen identificeren en beoordelen 1.3.1 Dubbel materialiteitsproces
1.3.2 Materiële impacts, risico's en kansen (IRO's)
3.3.1.3 Evaluatie van sociale risico's
2.3.2 EXMAR transitieplan
Maatregelen nemen om deze negatieve gevolgen
aan te pakken
2.4.2 Actieplan Klimaatverandering
3.3.1 Eigen personeel Actieplan
4.1.3 Maatregelen bedrijfsgedrag
De effectiviteit van deze inspanningen bijhouden
en communiceren
2.4.3 Doelen voor broeikasgassen
3.3.1.4 Sociale doelen
4.1.3 Maatregelen bedrijfsgedrag

De andere van toepassing zijnde beleidslijnen, processen met betrekking tot mogelijke negatieve gevolgen en de verschillende doelstellingen (Klimaatverandering, eigen personeel en zakelijk gedrag) worden in de volgende hoofdstukken uitgebreid behandeld. Alle doelen worden in detail toegelicht, waarbij het specifieke bedrijfsonderdeel wordt uitgelicht, of dit op zee of aan land is en indien van toepassing, de relatie met de relevante stakeholder. De beoordeling van deze duurzaamheidsdoelen zal plaatsvinden vanaf 2025.

2.1 EU TAXONOMIE

De EU Taxonomy is een classificatiesysteem voor ecologisch duurzame economische activiteiten. Het biedt bedrijven, investeerders en beleidsmakers definities van activiteiten die als ecologisch duurzaam worden beschouwd en helpt om de doelen van de EU op het vlak van klimaat en energie te bereiken. EXMAR verwelkomt de inspanningen van de EU om ons te ondersteunen bij het screenen, identificeren en aanpakken van de meest duurzame groei voor ons bedrijf.

EXMAR is een van de belangrijkste spelers in de maritieme en offshore dienstensector. Naast het transport van ammoniak en LPG en de omzetting van LNG, allemaal overgangsbrandstoffen volgens de EU Taxonomie, werken we aan de ontwikkeling van duurzame oplossingen voor de energietransitie. Deze projecten worden verder in dit verslag beschreven.

2.1.1 Geschiktheidsbeoordeling

De subsidiabiliteitsbeoordeling van EXMAR analyseert de activiteiten die zijn beschreven in de Taxonomie Gedelegeerde Klimaatwet (inclusief Aanvullende Gedelegeerde Klimaatwet en de Gedelegeerde Milieuwet) en stemt deze af op onze economische activiteiten:

  • De subsidiabiliteit evalueren aan de hand van een methodologische benadering, met inbegrip van een gedetailleerde analyse van de activiteiten van EXMAR in het licht van de zes klimaat- en milieudoelstellingen.
  • Breng een correspondentietabel van bedrijfsactiviteiten en boekhoudkundige nomenclatuur in kaart, zoals beschreven in het verslag van de Technische Deskundigengroep (TEG) en de Gedelegeerde handeling Klimaattaxonomie.

In onze analyse van de bedrijfsactiviteiten beschouwde EXMAR verschillende sectoren als subsidiabel in het kader van 'Klimaatmitigatie', wat leidde tot de onderstaande beoordeling van de EXMAR-activiteiten volgens de EU-Taxonomie:

Bedrijfsafdeling Beschrijving van
de activiteit
Gedelegeerde handeling,
aanhangsel I
Beslissing over subsidiabiliteit
Shipping Scheepvaartvloot
betrokken bij
transport van
ammoniak en LPG
H50.20/6.10: Zee- en kustvracht
vervoer.
H50.10/6.12: Aanpassing van zee- en
kustvracht en passagiersvervoer
over water
Geen specifieke NACE-code/4:
Energie
Ja voor H50.20/6.10 en H50.10/6.12
Nee voor Geen specifieke NACE-code/4
EXMAR shipping vervoert energie. Deze
gedelegeerde handeling richt zich op de
opwekking en productie van energie en
op de opslag van elektriciteit, waterstof en
thermische energie.
Infrastructuur Exploitatie van
FSRU- en FLNG
eenheden en
accommodatie
platforms
Ondersteunende
diensten & engi
neering (DVO/EOC)
Geen specifieke NACE-code /4.11:
Energie - Opslag van thermische
energie
D35.11/4.3: Energie - Elektriciteits
opwekking uit windenergie - bouw
of exploitatie van installaties voor
elektriciteitsopwekking die elek
triciteit opwekken uit windenergie
M71.12/9.1: Ingenieurs en aanver
wante technische adviseurs in
verband met de aanpassing aan
de Klimaatverandering
Nee voor Geen specifieke NACE-code /4.11:
EXMAR transformeert en zorgt voor de opslag van
energie. Deze gedelegeerde handeling verwijst
naar geothermische energie.
Nee voor D35.11/4.3:
Het aandeel van ondersteunende diensten &
engineering met betrekking tot mogelijke opname
in verband met offshore windenergie wordt als
onbeduidend beschouwd.
Nee voor D35.11/4.3 en M71.12/9.1:
De ingenieursdiensten van EXMAR zijn niet
alleen gericht op de aanpassing aan de
Klimaatverandering.
Diensten EXMAR Ship
Management
(België, India,
Singapore en
Seavie Caraïben)
EXMAR Yachting
Bexco
H50.20/6.10: Zee- en kustvracht
vervoer.
D35.11/4.3: Opwekking van
elektriciteit uit
H50.10/6.11: Zee- en kustvaart,
personenvervoer
F42/7.6 - Installatie, onderhoud
en reparatie van hernieuwbare
energietechnieken
Ja voor 6.10
Nee voor 4.3, 6.11 en 7.6 Deel van diensten
met betrekking tot passagiersvervoer of
mogelijke opname in verband met offshore
windenergiesystemen en fotovoltaïsche
zonne-energiesystemen zijn onbeduidend

Activiteiten met betrekking tot het scheepvaartsegment, scheepsmanagementdiensten en yachting werden beoordeeld als subsidiabel in overeenstemming met bijlage I van de Gedelegeerde Klimaatwet. Andere activiteiten werden geïdentificeerd als niet-subsidiabel omdat ze niet perfect aansloten bij de beschrijving van de activiteiten in de Gedelegeerde Wet of omdat ze een minder belangrijke activiteit zijn voor de Groep en niet significant genoeg worden geacht om te worden gerapporteerd onder de EU Taxonomie.

2.1.2 Afstemming Beoordeling

Waar geschiktheid een beeld geeft van het potentieel van een bedrijf om bij te dragen aan een duurzame toekomst, geeft afstemming van een activiteit een beeld van de huidige duurzaamheidsstatus van het bedrijf. Afstemming op de taxonomie houdt in dat een activiteit voldoet aan de eisen die specifiek voor deze activiteit zijn opgesomd in de taxonomie. Kort gezegd, alleen als een activiteit voldoet aan de Technical Screening Criteria (TSC), de "do no significant harm" (DNSH)-criteria en de minimale waarborgen die in de Taxonomy aan deze activiteit zijn gekoppeld, is deze uitgelijnd.

De eerste stap is controleren of de activiteit voldoet aan de TSC. De criteria voor substantiële bijdragen zijn over het algemeen zeer uitgebreid, wetenschappelijk onderbouwd en beïnvloed door de beste praktijken in de markt. Voor de scheepvaart in het algemeen is nul directe CO2 -uitstoot via uitlaatgassen een cruciale vereiste. Tot eind 2025 geldt een bufferperiode om een bepaalde hoeveelheid directe emissies toe te staan, afhankelijk van waarvoor het schip wordt gebruikt. Over het algemeen voldoen schepen aan de criteria als ze minimaal 25% van hun energie halen uit brandstoffen zonder directe CO2 -uitstoot. Momenteel zijn er nog maar weinig van dergelijke brandstoffen beschikbaar en technologische doorbraken liggen nog in het verschiet. De Flanders Pioneer, Flanders Innovation en de nieuw gebouwde schepen in bestelling (dual fuel motor: in staat om op LPG of ammoniak te varen) voldoen aan substantiële criteria 1d.

De schepen hebben een bereikte Energy Efficiency Design Index (EEDI)-waarde die 10 % onder de EEDI-vereisten ligt die op 1 april 2022 van toepassing zijn en ze kunnen varen op brandstoffen uit hernieuwbare bronnen.

Zelfs deze ultramoderne schepen zijn niet aangepast omdat ze niet voldoen aan de DNSH-criteria. EXMAR voldoet wel aan de DNSH-criteria voor Water, Circulaire Economie en Vervuilingspreventie; de criteria voor Biodiversiteit moeten verder onderzocht worden. EXMAR beschikt nog niet over een robuuste beoordeling van het klimaatrisico en de kwetsbaarheid en voldoet bijgevolg niet aan de DNSH-criteria voor de aanpassing aan de klimaatverandering. Op basis van deze criteria zal de scheepvaartsector moeite blijven hebben om de inspanningen voor een duurzamere wereld aan te tonen. De resultaten van onze screening zijn hieronder bijgevoegd.

Voor EXMAR is het resultaat van deze afstemming geen verrassing, gezien de huidige stand van de technologie, zoals hierboven uitgelegd. Toch investeert EXMAR, als een van de toonaangevende experts in het maritiem transport van ammoniak, actief in zeeschepen die worden aangedreven door ammoniak als brandstof. Ammoniak heeft geen CO2 -uitstoot, maar er is wel pilootbrandstof nodig om de motoren te laten draaien. De huidige scheepvaartvloot van EXMAR bestaat al grotendeels uit schepen die kunnen schakelen tussen het vervoer van LPG of ammoniak. In een scenario waarbij (bijzonder groene) ammoniak na de omschakeling op waterstof een dominante energiedrager wordt, zijn de schepen van EXMAR volledig klaar om dergelijke groene ammoniak te vervoeren.

2.1.3 Resultaten van de taxonomische screening

De KPI's zijn gebaseerd op de vereisten in de Gedelegeerde Wet Openbaarmaking van 6 juli 2021:

  • Het aandeel van de omzet dat afkomstig is van producten of diensten die verband houden met ecologisch duurzame activiteiten
  • Het aandeel van kapitaaluitgaven (CapEx) en
  • Het deel van de bedrijfsuitgaven (OpEx) dat betrekking heeft op activa of processen die verband houden met milieuduurzame activiteiten

De jaarrekening van EXMAR is in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS), zoals goedgekeurd door de Europese Unie. De hieronder vermelde berekende KPI's zijn gebaseerd op de definitie van de EU Taxonomy Regulation. Tijdens dit proces hebben geen dubbeltellingen plaatsgevonden. Er wordt kwalitatieve informatie verstrekt om de lezer duidelijkheid te verschaffen over wat wel of niet is opgenomen in de KPI's in vergelijking met de financiële informatie volgens IFRS.

Omzet

De onderstaande subsidiabele omzet wordt geanalyseerd op basis van een beoordeling per dochteronderneming, waarbij de omzet wordt gekoppeld aan de relevante Taxonomy-activiteiten.

KPI 1 - Omzet
Shipping Infra
structuur
Diensten GROEP
Totaal k\$ (2024) 55,508 171,329 122,074 348,911
Totaal k\$ (2023) 52,553 371,226 63,539 487,318
In aanmerking
komend k\$
(2024)
55,508 - 95,952 151,460
Subsidiabel k\$
(2023)
52,553 - 18,521 71,075
In aanmerking
komend % 2024
100% 0% 79% 43%

We verwijzen naar Toelichting 4 van de jaarrekening voor een gedetailleerd overzicht van de omzet, die zowel IFRS 15 Opbrengsten uit contracten met klanten als IFRS 16 Leasegerelateerde opbrengsten omvat.

In 2024 hebben we een lagere omzet vergeleken met 2023 door de volgende redenen:

  • In Ondersteunende Diensten werd de dochteronderneming Bexco verkocht.
  • In de business unit Infrastructuur is er een daling van de inkomsten uit het EPC-contract.
  • In de Shipping Business Unit zijn er minder inkomsten door de verkoop van verschillende FP en MGC schepen.

Capex

De hieronder vermelde subsidiabele CAPEX worden geanalyseerd op basis van een beoordeling per dochteronderneming, waarbij de CAPEX worden gekoppeld aan de relevante Taxonomy-activiteiten.

KPI 2 - CAPEX
Shipping Infra
structuur
Diensten GROEP
Totaal k\$ (2024) 10,045 835 702 11,581
Totaal k\$ (2023) 1,340 3,240 3,550 8,130
In aanmerking
komend k\$
(2024)
6,639 - - 6,639
Subsidiabel k\$
(2023)
1,340 - 839 2,179
In aanmerking
komend % 2024
66% 0% 0% 57%

De investeringen bestaan voornamelijk uit de aankoop van schepen (IAS 16 - zie ook Toelichting 10) en in mindere mate uit de aankoop van andere materiële vaste activa (IAS 16), gebruiksrechten (IFRS 16) en geactiveerde immateriële activa (IAS 38). We verwijzen naar Toelichting 10 tot en met 13 van de jaarrekening voor aanvullende informatie.

In 2024 hebben we een hogere VAA in vergelijking met 2023 om de volgende redenen:

  • Droogdok van verschillende schepen
  • Vervroegde uitkoop van twee FP-schepen

Opex

KPI 3 - OPEX
Shipping Infra
structuur
Diensten GROEP
Totaal k\$ (2024) 3,790 35,306 78,949 118,044
Totaal k\$ (2023) 23,329 243,257 38,582 305,168
In aanmerking
komend k\$
(2024)
3,790 - 30,822 34,612
Subsidiabel k\$
(2023)
23,329 - 11,086 34,415
In aanmerking
komend % 2024
100% 0% 39% 29%

In het algemeen bestaan onze bedrijfskosten uit de volgende hoofdcategorieën van kosten:

  • Kosten voor schepen
  • Algemene en administratieve kosten
  • Personeelskosten

We verwijzen naar respectievelijk toelichting 5, 6 en 7 van de jaarrekening voor aanvullende informatie.

Niet alle bedrijfskosten van EXMAR beantwoorden aan de definitie van de Opex KPI zoals bepaald in de Taxonomy Regulation. Daarom hebben we enkel de bemannings- en onderhoudskosten van de schepen opgenomen. Alle andere kosten zoals verzekeringen, afschrijvingen en waardeverminderingen, algemene en administratieve kosten ... werden uitgesloten.

In 2024 hebben we een lagere OPEX vergeleken met 2023 door een daling van de OPEX op het EPC-contract in de Infrastructuur Business Unit.

Zie voor meer informatie 5.2 Taxonomy Templates.

2.2 VEERKRACHTANALYSE

De analyse van de klimaatbestendigheid van EXMAR beoordeelt ons vermogen om klimaatgerelateerde risico's, zoals extreme weersomstandigheden, wijzigingen in de regelgeving en grondstoffenschaarste, te weerstaan, ons eraan aan te passen en ervan te herstellen. Ze evalueert de kwetsbaarheden, identificeert strategieën voor klimaatmitigatie en verzekert de duurzaamheid op lange termijn in een veranderend klimaat. Deze veerkrachtanalyse is gebaseerd op onze Dubbele materialiteit analyse volgens één scenario: het IMO-traject dat tot doel heeft de wereldwijde temperatuurstijging te beperken tot ruim onder de 2°C boven het pre-industriële niveau en de inspanningen voort te zetten om de stijging te beperken tot 1,5°.

In 2025 zijn we van plan om deze analyse verder te verbeteren en te verdiepen. Belangrijke toevoegingen in de komende jaren zijn meerdere scenario's en tijdshorizonten, waaronder langetermijnprojecties, zodat we meer gedetailleerde mitigatiestrategieën kunnen ontwikkelen en rekening kunnen houden met de verwachte financiële gevolgen. Bovendien zullen we een duidelijk verband leggen tussen deze analyse, onze bedrijfsstrategie en ons overkoepelende duurzaamheidstraject, zodat we ons kunnen aanpassen aan verschillende uitdagingen op het gebied van klimaatverandering. De beoordeling zal ook rekening houden met macro-economische trends, energieverbruikspatronen, de ontwikkeling van de energiemix en aannames met betrekking tot technologische vooruitgang. Hoewel deze verbeterde veerkrachtanalyse rekening zal houden met bepaalde onzekerheden, zal het kritieke inzichten verschaffen in de mate waarin onze activa en bedrijfsactiviteiten kunnen worden blootgesteld aan potentiële risico's.

De reikwijdte van de veerkrachtanalyse komt overeen met de reikwijdte van onze Dubbele materialiteit analyse, voor meer details zie bovenstaand hoofdstuk. 1.2 Reikwijdte.

De belangrijkste voorschriften die van toepassing zijn op de veerkrachtanalyse zijn:

  • MARPOL (Maritiem Verdrag ter voorkoming van verontreiniging door schepen)
  • Energie-efficiëntie ontwerpindex (EEDI)
  • Energie-efficiëntie-index bestaande schepen (EEXI)
  • Koolstofintensiteitsindicator (CII)
  • Systeem voor gegevensverzameling (DCS)
  • EU-emissiehandelssysteem (ETS)
  • Bewaking, rapportage en verificatie (MRV) van broeikasgasemissies
  • Fuel EU Maritime (vanaf 01/01/2025) om de vraag naar hernieuwbare en koolstofarme scheepsbrandstoffen te stimuleren

Waarom we ons op dit regelgevend toepassingsgebied hebben gericht, wordt uitgelegd in hoofdstuk 2.3.3 Afstemming op de Overeenkomst van Parijs.

Als gevolg daarvan hebben we één materieel klimaatgerelateerd overgangsrisico geïdentificeerd:

Middellange termijn

De energietransitie is een voortdurende verschuiving van olie en gas naar meer elektrificatie, de inzet van hernieuwbare energie, distributie- en opslaginfrastructuur en de toepassing van opkomende koolstofarme technologieën zoals biogas, koolstofarme waterstof en ammoniak. Dit leidt tot investeringen in schepen die varen op alternatieve brandstoffen (LPG of ammoniak) of schepen en infrastructuureenheden die gebruik kunnen maken van walstroom.

Er werden geen klimaatgerelateerde fysieke risico's geïdentificeerd waarvoor bijkomende maatregelen moeten worden genomen. EXMAR voert zeer grondige veiligheidsstudies uit bij de bouw van schepen (schepen of infrastructuureenheden) om er zeker van te zijn dat ze bestand zijn tegen slecht weer en om de effecten van de klimaatverandering op zee tegen te gaan.

EXMAR diversifieert zijn activiteitenportefeuille om aangepast te zijn aan de uitdagingen van de klimaatverandering. Zie het transitieplan voor meer informatie.

Het eerste ontwerp van onze veerkrachtanalyse werd in de tweede helft van 2024 gemaakt en zal, zoals hierboven vermeld, in de loop van 2025 worden uitgebreid en gedetailleerd.

2.3 TRANSITIEPLAN KLIMAATVERANDERING

2.3.1 Klimaatbeleid

Klimaatverandering aanpakken is een fundamentele pijler van onze duurzaamheidsstrategie en een integraal onderdeel van ons beleid voor gezondheid, veiligheid, milieu en kwaliteit (HSEQ).

In 2025 zullen we een uitgebreid en specifiek klimaatbeleid opstellen, voortbouwend op de verfijnde analyse van de klimaatbestendigheid, om onze toewijding aan het aanpakken van klimaatverandering en het stimuleren van duurzame vooruitgang verder te versterken.

De effectiviteit van dit (nieuwe) beleid en de bijbehorende maatregelen en doelen zal periodiek worden bijgehouden. Dit stelt ons in staat om voortdurend te verbeteren en bij te sturen, in lijn met de snel veranderende maritieme economie.

2.3.2 EXMAR Transitieplan

EXMAR heeft een transitieplan voor kllimaatverandering opgesteld, opgesplitst in 3 business units om het zo praktisch mogelijk te maken. Dit transitieplan schetst onze strategie om over te schakelen naar een koolstofarme, klimaatbestendige toekomst. Het bevat doelen, tijdschema's en maatregelen om de uitstoot te verminderen, de activiteiten aan te passen en in te spelen op de verschuivingen in de regelgeving en de markt in de richting van duurzaamheid.

Scheepvaart

In totaal is bijna 91% van de broeikasgasemissies van EXMAR gerelateerd aan het brandstofverbruik van de vloot (inclusief JV-schepen).

  • Doelen voor de schepen op basis van internationale regelgeving
    • In afwachting van de IMO-maatregelen op middellange termijn ter bestrijding van de klimaatverandering streeft EXMAR ernaar dat de BKG van zijn volledige vloot onder de doelstelling voor BKG van de Fuel EU Maritime ligt.
    • Lopende gesprekken met bevrachters om te zien of we (duurzame) biobrandstoffen kunnen gebruiken.
    • Carbon Intensity Index (CII) boetes zijn opgenomen in recente charterovereenkomsten om ervoor te zorgen dat bevrachters worden gedwongen om de schepen op de meest efficiënte manier te exploiteren door waar mogelijk langzaam te varen, het aanmeren van havens te optimaliseren, wachttijden te beperken en mogelijk over te schakelen op schonere brandstoffen zoals B10-B30 biobrandstoffen.
    • Er is een overgang gaande om koelmiddelen te vervangen door een alternatief met een lager GWP.
  • Investeer in schepen die varen op dual-fuel motoren, zowel LPG als ammoniak.
    • Vloot:
      • EXMAR VLGC BV bezit 2 VLGC's op LPG sinds 2021
      • EXMAR Shipping BV (Joint Venture) investeert in
        • · 3 extra LPG-schepen zullen in 2025 aan de vloot worden toegevoegd
        • · 4 schepen op ammoniak zullen in 2026 aan de vloot worden toegevoegd
        • · 4 LPG-schepen komen in 2026 bij de vloot
        • · 5 LPG-schepen zullen in 2027-2028 aan de vloot worden toegevoegd.
  • Tegelijkertijd worden enkele oudere, op fossiele brandstoffen lopende schepen verkocht.
    • In 2024 zijn twee drukschepen verkocht en in 2025 volgen er nog twee.
    • EXMAR Shipping BV (Joint Venture) heeft 1 oudere, op fossiele brandstoffen varende, middelgrote gastanker verkocht in 2024.

Infrastructuur

  • Investeren in de ontwikkeling van walstroom of oplossingen voor het opvangen van restwarmte voor toekomstige infrastructuureenheden
    • De technische en mariene knowhow van EXMAR gebruiken om oplossingen te ontwikkelen om de installaties te laten draaien op elektriciteit of restwarmte in plaats van op koolwaterstoffen.
    • Op basis van de inventarisatie van de oorzaken van scope 3 emissies en de materialiteit van deze oorzaken in de CO2 voetafdruk, zal het team onderzoek doen, kosten-batenanalyses opstellen en concrete voorstellen doen voor de bouw van proces- en opslagfaciliteiten.
      • Brandstofefficiënte procesapparatuur selecteren.
      • Verbetering van de mogelijkheden voor het beheer van verdampingsgas.
      • Het installeren van een walstroomaansluiting en elektrische aandrijvingen in plaats van verbrandingsmotoren of gasturbines.
    • Deze voorstellen kunnen worden afgestemd op de ESG-objectieven, doelen en maatregelen van onze klanten en na overeenstemming worden geïmplementeerd.

Ondersteunende diensten

  • Onderzoek naar vermindering van scope 3 emissies in productie, transport van reserveonderdelen & service
    • Voor bestaande schepen worden de aankoop en selectie van uitrusting bepaald op basis van de totale eigendomskosten tijdens de levensduur van de uitrusting. Er zal worden onderzocht of er aanvullende criteria kunnen worden toegevoegd om klimaatverandering in de besluitvorming op

te nemen. Klimaatsveranderingscriteria kunnen zijn: de CO2 -voetafdruk van de apparatuur, het energieverbruik, de regionale beschikbaarheid van productie- en onderhoudsfaciliteiten.

  • Vermindering van scope 3 emissies in zakenreizen onderzoeken
    • EXMAR opereert in een wereldwijde context met gespecialiseerde verwerkings- en scheepsuitrustingen aan boord. De expertise van ons zeevarend personeel is zeer belangrijk en verklaart de nood aan expats en frequente zakenreizen. De diversiteit van onze bemanning is erg belangrijk voor ons en we onderzoeken voortdurend of lokale inbreng mogelijk is, bijvoorbeeld voor lokale projecten zoals in de business unit Infrastructuur. Op onze schepen die in een specifiek handelsgebied varen, optimaliseert en beperkt EXMAR de verplaatsingen door bemanning uit die regio in te zetten.

■ Onze scope 1-2 emissies verbeteren

  • Hoewel onze scope 1- en scope 2-emissies samen slechts 0,90% van onze totale BKG-uitstoot uitmaken, engageert EXMAR zich om zijn verantwoordelijkheid op te nemen en een duidelijk verbetertraject uit te stippelen.
    • Stap af van schattingen voor het energieverbruik op kantoor, breng het werkelijke energieverbruik in kaart en onderzoek lopende contracten en mogelijke overstappen naar groene energieleveranciers.
    • Controleren of het nieuwe autobeleid voor EXMAR HQ voor al onze filialen kan worden geïmplementeerd, om te evolueren naar elektrische auto's en af te stappen van fossiele brandstoffen. De oplaadmogelijkheden binnen onze invloedssfeer onderzoeken, om de komende 5 jaar over te schakelen op groene providers.

Sleutelrol in het transitieplan van onze stakeholders

Op het vlak van shipping:

  • Identificeer en praat met bevrachters om de plannen van deze oliemultinationals voor het uitfaseren van schaliegas te begrijpen en om te begrijpen hoe wij een rol kunnen spelen bij het ondersteunen van hun beslissingen.
  • Breng de hoeveelheid getransporteerde grijze versus blauwe en groene ammoniak in kaart en praat met de bevrachters om inzicht te krijgen in hun transitieplannen van grijze naar blauwe en groene ammoniakproductie.

Op het vlak van infrastructuur spelen de portefeuille en de diensten van EXMAR een zeer belangrijke rol in de overgangsfase naar koolstofarme brandstoffen met

■ Het aanbieden van snelle marktfaciliteiten om het afgevangen gas om te zetten in vloeibaar gas dat kan worden verscheept in plaats van in de lucht te worden uitgestoten.

  • Het bieden van snelle marktfaciliteiten om regio's te voorzien van koolstofarm aardgas ter vervanging van kolen en olie als energiebron.
  • Haar technische en mariene expertise investeren in de ontwikkeling van faciliteiten die een kleinere voetafdruk hebben en opnieuw kunnen worden ingezet in de olie- en gasindustrie en kleinschalige maritieme oplossingen voor de levering van energie aan afgelegen gebieden.

Op het vlak van engineering investeert EXMAR in onderzoek en ontwerp voor het beheer van CO2 stroomopwaarts en stroomafwaarts. We bieden de markt verschillende oplossingen aan:

  • CO2 midden- of lagedrukschepen
  • Drijvende liquefactie-opslag- en overladingseenheid
  • Directe CO2 -injectie via STLCO2 drijvende opslag- en injectie-eenheid

Het eerste ontwerp van het transitieplan wordt in 2024 gemaakt. Bij het optimaliseren van dit plan in 2025 zullen we rekening houden met de bijgewerkte veerkrachtanalyse en de verschillende scenario's en de geboekte vooruitgang in kaart brengen.

Dit transitieplan, opgebouwd rond één gedefinieerd scenario, is volledig geïntegreerd in ons maatregelenplan en zorgt voor een duidelijk en strategisch pad voorwaarts. Het is een essentieel onderdeel van onze bedrijfsstrategie en financiële planning en stuurt onze beslissingen en investeringen in de richting van een duurzame toekomst.

2.3.3 Afstemming op de Overeenkomst van Parijs

De Overeenkomst van Parijs heeft niet expliciet betrekking op de internationale scheepvaart. De Internationale Maritieme Organisatie (IMO), de regelgevende instantie van de sector, heeft zich ertoe verbonden de uitstoot van broeikasgassen (BKG) door het wereldwijde zeevervoer te verminderen met als doel de wereldwijde temperatuurstijging te beperken tot minder dan 2°C boven het pre-industriële niveau en zich te blijven inspannen om de stijging te beperken tot 1,5°C. Naast de regelgeving van de IMO is de scheepvaartindustrie ook onderworpen aan de regelgeving van de Europese Unie (EU), met name de regelgeving die is ontwikkeld in het kader van het "Fit for 55"-pakket en de Europese Green Deal. Het regelgevingskader van de EU is een van de strengste ter wereld en legt ambitieuze doelen op voor emissiereducties. EXMAR streeft ernaar om haar wereldwijde vloot in overeenstemming te brengen met deze strenge normen, zodat ze verder gaat dan de internationale vereisten.

Bij EXMAR implementeren we proactief maatregelen die verder gaan dan de regelgevende mandaten en die bijdragen tot een duurzamere en koolstofarme toekomst voor de maritieme industrie.

Internationale Maritieme Organisatie (IMO) regelgeving

https://www.imo.org/en/OurWork/Environment/ Pages/2023-IMO-Strategy-on-Reduction-of-GHG-Emissions-from-Ships.aspx

Zoals besproeken in 1.2.2 Regelgevend Kader, is het uiteindelijke doel van de IMO om broeikasgasemissies in 2050 of daaromtrent tot nul te reduceren. De volgende regels zijn van kracht om deze doelen te bereiken:

  • Energie-efficiëntie ontwerpindex (EEDI)
  • Energie-efficiëntie-index bestaande schepen (EEXI)
  • Koolstofintensiteitsindicator (CII)
  • Systeem voor gegevensverzameling (DCS)

Green Deal EU

https://climate.ec.europa.eu/eu-action/transport/ reducing-emissions-shipping-sector\_en

De Green Deal van de EU omvat verschillende maatregelen om ervoor te zorgen dat het maritieme transport zijn steentje bijdraagt aan het bereiken van klimaatneutraliteit in Europa tegen 2050.

  • EU-emissiehandelssysteem (ETS)
  • Bewaking, rapportage en verificatie (MRV) van broeikasgasemissies
  • Fuel EU Maritime (vanaf 01/01/2025) om de vraag naar hernieuwbare en koolstofarme scheepsbrandstoffen te stimuleren

Deze regelgeving is ontwikkeld om in lijn te blijven met het Overeenkomst van Parijs. In afwachting van de maatregelen op middellange termijn die verder ontwikkeld moeten worden door de IMO (IMO Climate Strategy: Technical and Economical Measures), gaat EXMAR een stap verder en streeft het ernaar om ruim onder de doelen voor broeikasgasintensiteit (BKGi) te blijven zoals die momenteel bepaald zijn door de Fuel EU Maritime-regelgeving en dit op zijn wereldwijde vloot, niet alleen beperkt tot de EU-gerelateerde reizen. Deze doelen zijn nog niet vertaald naar EXMARspecifieke doelen, maar zodra dat gebeurd is, zullen we aantonen dat ze verenigbaar zijn met de Overeenkomst van Parijs.

2.4 ACTIEPLAN KLIMAATMITIGATIE

2.4.1 Hefbomen voor decarbonisatie

Decarbonisatiehefbomen zijn strategische maatregelen die worden geïmplementeerd om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen, de duurzaamheid te verbeteren en industrieën om te vormen naar een koolstofarme economie. Deze hefbomen spelen een cruciale rol in de beperking van de klimaatverandering en de naleving van de wereldwijde regelgeving. Bij EXMAR ligt de focus op twee belangrijke hefbomen voor het koolstofarm maken van de economie: energieefficiëntie en brandstofomschakeling. Door prioriteit te geven aan deze strategieën wil EXMAR zijn activiteiten optimaliseren, de koolstofintensiteit verminderen en bijdragen tot een duurzamere maritieme en energiesector.

2.4.1.1 Energie-efficiëntie

Sterk ontwerp

EXMAR ondersteunt O&O voor lage-

emissietechnologieën en onderzoekt het gebruik van commercieel levensvatbare brandstofgedreven schepen met nul/lage emissies. We verwachten dat deze impact op middellange tot lange termijn geleidelijk zal zijn. EXMAR evalueert dan ook voortdurend de commerciële levensvatbaarheid van haar vloot en investeert en desinvesteert actief om een state-of-the-art vloot in stand te houden.

De laatste nieuwkomers in onze vloot zijn uitgerust met innovatieve ontwerpen die hun milieuprestaties verbeteren in vergelijking met hun gelijken.

Onze twee VLGC's varen bijvoorbeeld op LPG als brandstof (LPG kan gedurende de hele levensduur 20% broeikasgasemissies besparen in vergelijking met HFO) en deze schepen hebben een strenger EEDI-niveau dan vereist.

Alle nieuwe schepen zullen worden uitgerust met een asgenerator, waardoor de totale energie-efficiëntie tijdens het varen wordt verbeterd.

Efficiënte werking

De koolstofintensiteitsindex (CII) houdt de effectieve koolstofuitstoot van een schip bij ten opzichte van het laadvermogen. De CII van elk schip wordt jaarlijks geëvalueerd en zal tegen 2050 steeds strenger worden. De maatregelen ter verbetering van de CII zijn opgenomen in het Schip Energie Efficientie Management Plan (SEEMP), dat momenteel de regelgeving overtreft door ISO 50001 gecertificeerd te zijn. De impact van de EEXI-regelgeving op onze bestaande vlootportefeuille is beoordeeld.

2.4.1.2 Brandstofomschakeling

Innovatie en techniek

We analyseren onze activiteitenportefeuille om een actieve rol te spelen op weg naar decarbonisatie door de alternatieve brandstoffen te leveren die nodig zijn in de energietransitie.

We investeren in onderzoek en ontwikkeling naar het potentieel van koolstofneutrale brandstoffen zoals (groene) waterstof en (groene) ammoniak om de industrie te helpen bij het bereiken van de doelstelling van koolstofneutraliteit. Bovendien vereist het potentieel van koolstofafvang voor opslag, transportmiddelen en daarom neemt EXMAR actief deel aan de ontwikkeling van CO2 -dragers.

Gasmoleculen als overgang

Binnen onze joint venture met Seapeak plannen we de levering van 4 MGC's op ammoniak en 12 MGC's op LPG aan de scheepsvloot in de komende 3 jaar. Dit zal een belangrijke hefboom zijn voor de wereldwijde scheepvaartvloot, aangezien LPG de broeikasgasemissies tijdens de levensduur met 20% kan verminderen en groene ammoniak de broeikasgasemissies tijdens de levensduur met 97% kan verminderen in vergelijking met de standaard HFO brandstof.

Deze schepen zullen de eerste zijn met ammoniakmotoren en het begin zijn van een aanzienlijke vermindering van de wereldwijde scheepvaartemissies.

Bevrachters als belangrijke partner in onze overgang

Onze schepen worden verhuurd aan klanten. De installatie van decarbonisatiehefbomen en maatregelen op het gebied van OPEX en CAPEX zijn afhankelijk van de ESG-strategie en het transitieplan van onze klanten.

In 2024 is er een project gestart om een "digitale tweeling" te creëren die de prestaties van schepen meet. In de nabije toekomst kan dit in verschillende vormen worden gebruikt om zowel de eigenaar als de bevrachter te stimuleren om de best mogelijke prestaties van de schepen te verkrijgen en zo de uitstoot te verminderen.

Er is een overgang aan de gang om koelmiddelen te vervangen door een alternatief met een lager GWP. We hebben een overeenkomst met de bevrachter van de Eemshaven LNG om walstroom en restwarmte aan boord van het schip te gebruiken, waardoor in 2024 de verbranding van 4600 ton aardgas wordt vermeden en de uitstoot van broeikasgassen drastisch wordt verminderd.

De kwantitatieve bijdrage van deze en mogelijk bijkomende decarbonisatiehefbomen zal worden bepaald na een grondige analyse van de drijvende krachten achter de CO2 -emissievoetafdruk van het referentiejaar.

We verwachten dat door de vlootuitbreiding de absolute emissies op korte termijn zullen stijgen. Op de langere termijn zijn de dual-fuel-schepen (LPG en NH3 ) mogelijk de decarbonisatiehefbomen die het meest bijdragen aan het behalen van deze doelen. Ze zullen ook een aanzienlijk effect hebben op de broeikasgasintensiteit van de vloot.

2.4.2 Actieplan Klimaatverandering

2.4.2.1 Broeikasgasmaatregelen

Hieronder vindt u het actieplan van EXMAR voor klimaatmitigatie:

Energie-efficiëntie

Op de korte termijn ligt de nadruk op maatregelen die verband houden met de dagelijkse activiteiten van de schepen.

  • Voor scheepvaart en infrastructuur voorzien we
    • Uitrollen van een digitaal en verbeterd prestatieplatform voor de vloot.
    • Nauwgezette opvolging van de prestatiebeoordelingen (zoals CII en Fuel EU Maritime).
  • Voor ondersteunende diensten streven we ernaar om
    • Personeel te trainen in energie-efficiëntie
    • ISO50001 certificering te behouden

De geplande maatregelen en investeringen voor de middellange termijn zijn:

  • De divisie Infrastructuur zal
    • Brandstofefficiënte procesapparatuur gebruiken.
  • Voor ondersteunende diensten
    • Voor de belangrijkste leveranciers zal de werkelijke voetafdruk van de aankopen worden bijgehouden en de huidige schattingen vervangen. Hetzelfde zal worden opgenomen in het inkoop- en evaluatieproces voor leveranciers.
    • Een programma voor het optimaliseren van bemanningswisselingen en gerelateerde zakenreizen is in ontwikkeling.

Brandstofovergang

Op de korte termijn ligt de nadruk op maatregelen die verband houden met de dagelijkse activiteiten van de schepen:

  • Voor scheepvaart en infrastructuur voorzien we
    • Waar nodig gaan we de dialoog aan met belanghebbenden om de uitstoot te verminderen door de operationele efficiëntie te verbeteren en waar mogelijk over te stappen op schonere brandstoffen.
    • KPI's op vlootniveau creëren om onder de broeikasgasemissies te blijven die overeenkomen met de referentiewaarden voor broeikasgasemissies van brandstof voor de scheepvaart in de EU en de dialoog aangaan met onze belanghebbenden om koolstofarme en/of biobrandstofmengsels te gebruiken om onder deze referentiewaarden te blijven, aangezien deze zijn vastgesteld door de bevoegde autoriteiten om te voldoen aan de Overeenkomst van Parijs.

De geplande maatregelen en investeringen voor de middellange termijn zijn:

  • De komende jaren zal de divisie Shipping
    • Werken aan het nieuwbouwproject en tewerkstelling van 12 LPG- en 4 ammoniakschepen in een joint venture.
    • De blootstelling aan conventionele brandstof verminderen door enkele oudere schepen te koop aan te bieden en de oudere vloot op conventionele brandstof te verkleinen, terwijl de vloot op twee brandstoffen wordt uitgebreid.
    • Samenwerken met alle belanghebbenden om te helpen bij de overgang naar het koolstofvrij maken van zowel de vervoerde producten als de transportmethode.
  • De divisie Infrastructuur zal
    • Walstroomaansluiting en elektrische aandrijvingen promoten in plaats van verbrandingsmotoren of gasturbines.

De bovenstaande maatregelen zijn nog niet gekwantificeerd in bereikte en verwachte broeikasgasemissiereducties. De nodige budgetten in termen van personeel en hulpmiddelen maken deel uit van de financiële planning van de Groep om de maatregelen op korte termijn en de investeringen op middellange termijn. Nieuwe investeringen worden gedaan in nauw overleg met onze stakeholders om de levensvatbaarheid van het bedrijf op de lange termijn te waarborgen.

De ESG-taskforce is de belangrijkste toewijzing van middelen voor deze maatregelen. Deze taskforce wordt ondersteund door het energie-efficiëntieteam, dat verantwoordelijk is voor het identificeren, implementeren en monitoren van het succes van operationele energiebeheermaatregelen en voor het waarborgen van de organisatorische verankering van energiebeheer. Zij houden bijvoorbeeld toezicht op de inhoud van het Schip Energie Efficiëntie Management Plan (SEEMP), rollen specifieke operationele maatregelen uit, identificeren mogelijke verbeteringsmaatregelen, zorgen voor nauwkeurige gegevensrapportage van schepen en voeren voortdurend prestatieanalyses uit.

De uitvoering van deze maatregelen is direct afhankelijk van de beschikbaarheid en toewijzing van zowel interne als externe middelen, waaronder financiële steun en personeel. We hebben gezorgd voor voldoende middelen om deze maatregelen tijdig en effectief uit te voeren.

2.4.2.2 Financiële Middelen Klimaatmitigatie Actieplan

De volgende financiële middelen (OPEX en CAPEX) zijn in 2024 beschikbaar gesteld voor de uitvoering van dit actieplan. De toekomstige financiële middelen voor het actieplan zijn nog niet opgelijst. De belangrijkste kosten in de onderstaande tabel hebben betrekking op:

Opex

Jaarlijks geven we aanzienlijke bedragen uit om de energie-efficiëntie van onze schepen vast te leggen, te controleren en te optimaliseren. Een van de methoden is het verzamelen van sensorgegevens en het creëren van de digitale tweeling. Verder organiseren we energie-efficiëntietrainingen en hebben we een ISO 50001-certificaat.

We hebben een eenmalige investering gedaan om een nieuwe BKG-rekening te implementeren voor de rapportage van broeikasgasemissies met de ondersteuning van een externe consultant (Moore).

Capex

De technische afdeling van EXMAR ondersteunt de plangoedkeuringsfase tijdens de bouw van nieuwe schepen en biedt ook on-site ondersteuning tijdens de bouw van nieuwbouwschepen. Dit is een initiatief van EXMAR die niet wettelijk verplicht is en verder gaat dan de industrienorm.

3.2 Milieu

Maatregelen Kosten Waarde Commentaar Referentie Finan
ciële verklaring
EU Taxonomie
Platform voor
scheeps
prestaties
Prestatieplatform OPEX 345,142 S-insight,
weerroutering,
emission connect
en digital twin
Toelichting
6 - Kosten voor
schepen
Inbegrepen
CII-rating en
andere regelgeving
opvolgen
OPEX - HSEQ
overheadkosten
al opgenomen in
sociaal beleid
Toelichting 10 -
Personeelskosten
Inbegrepen
Energie
efficiëntie
Training energie
efficiëntie
OPEX 149,200 Toelichting 10 -
Personeelskosten
Inbegrepen
ISO 50001
certificering
OPEX 11,000 Toelichting
6 - Kosten voor
schepen
Inbegrepen
Scope 3
emissies
optimaliseren
Software voor
BKG-berekening
OPEX 58,361 Nieuwe
boekhoudlogica
voor
broeikasgassen
Toelichting
9 - Verkoop
en algemene
beheerskosten
Uitgesloten
Werkelijke voetaf
druk leverancier
OPEX - ProcureShip
wordt momenteel
getest en zal in
2025 worden
geïmplementeerd.
Niet van
toepassing
Niet van
toepassing
Optimalisatie van
bemanningswisse
lingen en gerela
teerde zakenreizen
OPEX - Tilia wordt
getest en zal in
2025 worden
geïmplementeerd.
Niet van
toepassing
Niet van
toepassing
Schepen
portefeuille
Nieuwbouw
projecten
CAPEX 3,165,001 Technische
ondersteuning
vaartuigbouw -
Overige kosten
maken deel uit
van JV
Niet van
toepassing
(Intercompany
lasten)
Niet van
toepassing
(Inter-company)
Efficiënte proces
apparatuur voor
infrastructuur
projecten
CAPEX - Geen nieuwe
infrastructuur
Niet van
toepassing
Niet van
toepassing
Stakeholders Koolstofarme of bio
brandstofmengsels
OPEX - De dialoog heeft
geen significante
kosten voor Exmar
Niet van
toepassing
Niet van
toepassing
Walstroomaan
sluiting en
elektrische drivers
CAPEX - Geen nieuwe
infrastructuur
Niet van
toepassing
Niet van
toepassing
Totaal Mix 3,579,504

In de bovenstaande tabel wordt het verband gelegd tussen het actieplan en onze jaarrekening.

Bovendien hebben de bedrijfseenheid scheepvaart en de ondersteunende diensten wel subsidiabele activiteiten en de link met de EU-taxonomie wordt ook benadrukt in de tabel. Geen van de EXMAR-activiteiten is momenteel afgestemd op de taxonomie. EXMAR onderzoekt of het sommige van zijn subsidiabele activiteiten in 2025 kan afstemmen op de taxonomie. Zie het hoofdstuk 2.1 EU Taxonomie van dit rapport voor meer details.

2.4.3 Doelen voor broeikasgassen

2.4.3.1 Basislijn

De berekening van de basisemissiewaarde voor 2024 begint met een uitgebreide analyse van de verdeling van bedrijfsinkomsten, uitgaven en kapitaaluitgaven over alle entiteiten binnen de Groep. Deze aanpak garandeert een gedetailleerd inzicht in de financiële stromen die bijdragen aan de totale CO2 -voetafdruk van het bedrijf. Zodra deze financiële verdeling is vastgesteld, wordt elk bedrijf binnen de Groep systematisch beoordeeld op zijn materiële impact in relatie tot de totale inkomsten, uitgaven en kapitaaluitgaven op groepsniveau. Deze evaluatie stelt ons in staat om prioriteit te geven aan de belangrijkste emissiebronnen, zodat onze decarbonisatiestrategie gebaseerd is op gegevens en effectief doelen dient om zinvolle reducties te bereiken.

Als er in de komende jaren wijzigingen moeten worden aangebracht in deze baseline, zullen we het effect op de doelen en prestaties in de loop van de tijd beschrijven.

2.4.3.2 Locked-in emissies

Locked-in emissies zijn toekomstige broeikasgasemissies die naar verwachting zullen optreden als gevolg van bestaande infrastructuur, schepen of andere investeringen die afhankelijk zijn van fossiele brandstoffen. Deze emissies zijn "vergrendeld" omdat ze het gevolg zijn van langetermijnbeslissingen met een lange operationele levensduur. Een gedetailleerde analyse van onze broeikasgasemissies zal helpen bij het opsporen van locked-in broeikasgasemissies. Deze is gepland voor 2025.

2.4.3.3 CO2-reductiedoelen

EXMAR heeft nog geen specifieke doelen vastgesteld voor het bedrijf in 2024. Hoewel we vastbesloten zijn om de ambities van de IMO en de Green Deal van de EU te volgen en zo mogelijk te overtreffen, is dit nog niet vertaald in specifieke reductiedoelen voor EXMAR. De grootste reductie kan worden bereikt op scope 3 emissies en dit zal dan ook ons aandachtspunt zijn. We willen onze doelen voor broeikasgasreductie definiëren op basis van een wetenschappelijk onderbouwde methodologie en met het doel om bij te dragen aan de beperking van de opwarming van de aarde tot 1,5°C.

Bij het vaststellen van de doelen voor de toekomst en het bepalen van aanvullende hefbomen voor het koolstofarm maken van de economie, wordt rekening gehouden met een breed scala aan klimaatscenario's, waaronder ontwikkelingen op het gebied van milieu, maatschappij, technologie, markt en beleid. Bovendien zullen we de consistentie van onze doelen voor broeikasgasreductie met de grenzen van de broeikasgasinventaris controleren.

EXMAR heeft geen projecten in verband met de verwijdering van broeikasgassen en heeft ook geen interne koolstofprijsmechanismen opgezet. EXMAR maakt ook geen gebruik van contractuele instrumenten om elektriciteit te kopen of verkopen die specifieke informatie bevatten over de bron (bv. "100% hernieuwbare energie") of om milieuvoordelen verbonden aan de elektriciteitsproductie afzonderlijk te verhandelen (niet van toepassing voor EXMAR). Ten slotte heeft EXMAR geen biogene emissies in onze waardeketen.

Aangezien er nog geen doelen voor broeikasgasreductie zijn gesteld, kunnen we nog niet rapporteren over de tot nu toe geboekte vooruitgang. We houden echter al enkele jaren de broeikasgasemissies van de schepen bij in ons energie-efficiëntieprogramma.

2.5 UITSTOOT VAN BROEIKASGASSEN

2.5.1 Berekeningsmethode voor broeikasgasemissies

2.5.1.1 Overzicht van Scope 3 categorieën in de BKG-berekening

Het volgende hoofdstuk geeft een uitgebreide uitsplitsing van de Scope 3 broeikasgasemissiecategorieën die in onze CO₂-berekeningen zijn meegenomen. Dit omvat zowel opgenomen als uitgesloten categorieën, wat zorgt voor transparantie in onze koolstofboekhoudkundige aanpak.

Inbegrepen

Deze categorieën worden actief meegenomen in onze CO₂-berekeningen, omdat ze aanzienlijk bijdragen aan onze indirecte emissies in de hele waardeketen:

  • Categorie 1: Gekochte goederen en diensten Uitstoot door de aankoop van materialen, producten en diensten die essentieel zijn voor onze scheepsactiviteiten, aangezien dit het grootste deel van deze uitgaven vertegenwoordigt.
  • Categorie 2: Kapitaalgoederen Emissies door de bouw en upgrades van schepen.
  • Categorie 3: Brandstof- en energiegerelateerde activiteiten (niet opgenomen in Scope 1 of 2) Emissies van energiegerelateerde upstreamprocessen zoals brandstofwinning, raffinage en transport.
  • Categorie 4: Upstream transport en distributie Uitstoot door het transport van goederen en materialen door externe logistieke dienstverleners.
  • Categorie 5: Bedrijfsafval Uitstoot door de behandeling en verwijdering van afval dat ontstaat bij bedrijfsactiviteiten, zowel op kantoor als aan boord.
  • Categorie 6: Zakenreizen Uitstoot door zakelijke reizen van werknemers, inclusief vlieg-, trein- en autoreizen.
  • Categorie 7: Woon-werkverkeer van werknemers Uitstoot als gevolg van het woon-werkverkeer van werknemers.
  • Categorie 8: Stroomopwaarts geleasede activa Emissies door ingehuurde schepen.
  • Categorie 13: Downstream geleasede activa Emissies door gecharterde schepen
  • Categorie 15: Investeringen Uitstoot als gevolg van onze Joint Ventures hun scope 1-2 uitstoot.

Gezien de aard van de bedrijfsactiviteiten van de EXMAR Groep, dekt onze scope 3 BKG-uitstoot 99% van de CO2 -emissievoetafdruk.

Uitgesloten

Bepaalde categorieën zijn uitgesloten van onze CO₂-berekeningen vanwege een gebrek aan materiële impact, beperkingen in gegevens of relevantie voor de reikwijdte:

  • Categorie 9: Downstream transport en distributie Uitgesloten omdat ons bedrijfsmodel geen verkochte producten vervoert of distribueert.
  • Categorie 10: Verwerking van verkochte producten Uitgesloten omdat ons bedrijfsmodel geen significante verwerking of transformatie van verkochte producten met zich meebrengt.
  • Categorie 11: Gebruik van verkochte producten Niet van toepassing aangezien EXMAR geen eindproducten verkoopt.
  • Categorie 12: Verwerking van verkochte producten op het einde van hun levensduur Uitgesloten aangezien EXMAR geen schepen recycleert.
  • Categorie 14: Franchises Niet van toepassing aangezien het bedrijf niet werkt volgens een franchisemodel.

Door duidelijk te definiëren welke Scope 3 categorieën wel en niet worden meegenomen, vergroten we de nauwkeurigheid, transparantie en geloofwaardigheid van onze CO₂-rapportage.

2.5.1.2 Methodologie en aannames

De organisatorische grenzen van EXMAR werden bepaald aan de hand van de consolidatiemethode op basis van operationele controle. Deze benadering houdt rekening met alle emissies waarover de organisatie operationele controle heeft.

In dit rapport worden de volgende verschillende bronnen van koolstofuitstoot beschouwd, gegroepeerd in 4 blokken:

  • Scope 1 Directe emissies
  • Scope 2 Indirecte emissies (elektriciteit)
  • Scope 3 Upstream
  • Scope 3 Downstream

De berekening van de BKG-uitstoot van EXMAR werd uitgevoerd volgens de vereisten van de rapporteringsnormen van het Greenhouse Gas Protocol (Corporate Accounting and Reporting Standard, 2004; Corporate Value Chain Accounting and Reporting Standard, 2011). Er werd een speciaal softwarepakket gebruikt met ingebouwde emissiefactoren.

Lekkages van koelmiddelen zijn niet op alle schepen geregistreerd omdat dit niet wettelijk verplicht was. Als de logboeken niet beschikbaar zijn, hebben we onze gegevens gebaseerd op de aankoop van koelmiddelen. Logboeken zullen vanaf 2025 worden bijgehouden.

De CO2 -emissiefactoren die voor de berekeningen zijn gebruikt, zijn:

Scope 1

  • UK GOV GHG-rapportagefactoren Broeikasgasrapportage: conversiefactoren 2024 - GOV.UK
  • Specifieke emissiefactoren (kantoorbrandstofverbruik)

Scope 2

  • Markt
    • Vereniging van Uitgevende Instellingen (AIB) leverancier/residuele mix voor marktgebaseerd
  • Op locatie
    • AIB-productiemix voor de locatiegebaseerd

Scope 3: Stroomopwaarts

1. Gekochte goederen en diensten

  • Gekochte goederen
    • Exiobase emissiefactoren (gebaseerd op uitgaven)
    • Gedetailleerde toewijzingstabel is beschikbaar
  • IT-servers cloudgebruik
    • Microsoft Azure CO2 -uitstoot gebruikt als benchmark voor alle cloudgebruik en IT-servers

2. Kapitaalgoederen

■ Geen relevante kapitaalgoederen in de verslagperiode

3. Energievoorziening

■ Automatisch gegenereerd door Carbon Alt Delete op basis van Scope 1- en Scope 2-gegevens

4. Vervoer stroomopwaarts

■ CO2 -gegevens van partners (specifieke CO2 -emissiefactoren)

5. Afval (zowel scheepsafval als kantoorafval)

  • EcoInvent 3.10
  • UK GOV GHG rapportagefactoren
  • Emissiefactoren van de Intergouvernementele Werkgroep inzake Klimaatverandering (IPCC)

6. Zakenreizen

  • UK GOV GHG rapportagefactoren
  • Specifieke emissiefactoren (exiobase gebaseerd op uitgaven)

7. Woon-werkverkeer werknemers

UK GOV GHG rapportagefactoren

8. Upstream geleasede activa

Geen upstream-emissies door ingehuurde schepen in 2024

Scope 3: downstream

13. Downstream geleasede activa

■ UK GOV GHG rapportagefactoren

15. Investeringen (schepen in JV)

■ UK GOV GHG rapportagefactoren

EXMAR gebruikte waar mogelijk primaire gegevens, maar vooral rond alle belangrijke emissiebronnen. Wanneer er geen primaire gegevens beschikbaar zijn, werd een consistente en conservatieve benadering voor de berekening toegepast, zie 1.4.2 Gegevensverzameling. In totaal is 92,71% van de scope 3 emissies berekend op basis van primaire gegevens.

2.5.2 Werkelijke broeikasgasemissies

Deze uitgebreide en gegevensgestuurde beoordeling resulteerde in de ontwikkeling van onze eerste volledige CO₂-boekhouding voor het hele bedrijf. Door de uitstoot van alle bedrijfsonderdelen systematisch te analyseren, hebben we een robuuste en nauwkeurige

basis vastgesteld, die een duidelijke basis vormt voor het volgen, beheren en uiteindelijk verminderen van onze koolstofvoetafdruk. Deze mijlpaal markeert een belangrijke stap in ons streven naar transparantie, duurzaamheid en decarbonisatie op de lange termijn

Basisjaar -2024 2024
SCOPE 1 BKG-EMISSIES
Bruto Scope 1 broeikasgasemissies (tCO2
eq)
4,072.68 4,072.68
Percentage Scope 1 broeikasgasemissies van gereguleerde
emissiehandelsystemen (%)
0.00
SCOPE 2 BROEIKASGASEMISSIES
Bruto locatiegebonden Scope 2 broeikasgasemissies (tCO2
eq)
301.60 301.60
Bruto marktgebaseerde Scope 2 broeikasgasemissies (tCO2
eq)
284.30 284.30
SIGNIFICANTE SCOPE 3 BROEIKASGASEMISSIES
Totaal Bruto indirecte (Scope 3) broeikasgasemissies (tCO2eq) 481,248.21 481,248.21
1. Gekochte goederen en diensten 31,435.38 31,435.38
2. Kapitaalgoederen 0.00 0.00
3. Brandstof- en energiegerelateerde activiteiten 390.20 390.20
4. Stroomopwaarts transport en distributie 761.00 761.00
5. Afval dat vrijkomt bij activiteiten 2,673.69 2,673.69
6. Zakenreizen 5,108.94 5,108.94
7. Woon-werkverkeer van werknemers 571.11 571.11
8. Upstream geleasede activa 0.00 0.00
13. Downstream geleasede activa 210,732.66 210,732.66
15. Investeringen 229,575.23 229,575.23
TOTALE UITSTOOT VAN BROEIKASGASSEN
Totale broeikasgasemissies (locatiegebaseerd) (tCO2eq) 485,622.50
Totale broeikasgasemissies (marktgebaseerd) (tCO2eq) 485,605.20

In de bovenstaande tabel zijn de kolommen met vergelijkende cijfers, mijlpalen en doelen verwijderd. De nauwkeurigheid en integriteit van deze feitelijke broeikasgasemissies en gerelateerde energiegegevens zijn onafhankelijk gevalideerd door Deloitte en door geen enkele andere externe instantie.

Onze schepen moeten voldoen aan de regelgeving van het emissiehandelssysteem van de Europese Unie (EU ETS). In 2024 is het totale percentage Scope 1-emissies dat onder het gereguleerde emissiehandelssysteem valt 0%. De tijd dat onze schepen onder huuronderbreking waren terwijl ze onder de regeling vielen, is niet van belang. Alle emissies die onder het emissiehandelssysteem vielen tijdens de periodes dat de schepen in de verhuur waren, werden gedekt door de bevrachters.

2.5.3 BKG-intensiteit

De broeikasgasintensiteit hieronder geeft inzicht in de emissie-efficiëntie van een EXMAR in verhouding tot onze economische activiteit.

2024
Netto-inkomsten gebruikt om BKG-intensiteit te berekenen 348,911,450.00
Netto-omzet (overig) 0.00
Totale netto-omzet (in jaarrekening) 348,911,450.00

Deze inkomsten en onze totale BKG-uitstoot (scope 1, 2 & 3) worden gebruikt om de BKG-intensiteit van EXMAR te berekenen, uitgedrukt in duizend USD.

2024
(intensiteit*10^3)
Locatiegebaseerd 1.39
Marktgebaseerd 1.39

Vanaf 2025 zullen we vermelden of er significante wijzigingen zijn die de vergelijkbaarheid van jaar tot jaar beïnvloeden, bijvoorbeeld in de definitie van waardeketen of omstandigheden.

2.6 ENERGIEVERBRUIK EN -MIX

2.6.1 Activiteit van EXMAR in sectoren met een grote impact op het klimaat

EXMAR is actief in de klimaatsector met een grote impact (voornamelijk de olie- en gassector), wat in totaal 95,3% van onze inkomsten oplevert. Deze inkomsten worden gebruikt om de energie-intensiteit te berekenen.

De minderheid van onze inkomsten komt niet uit sectoren met een grote impact op het klimaat (4,7%). Ze zijn afkomstig van

  • Personeelsvoorziening
  • Financiële en verzekeringsactiviteiten Activiteiten van holdings
  • Andere ondersteunende diensten.

Hieronder staat een overzicht van de netto-inkomsten uit activiteiten in sectoren met een grote impact op het klimaat. Aangezien deze sectoren nauwkeurig worden onderzocht op hun ecologische voetafdruk, dient dit cijfer als een belangrijke indicator van onze blootstelling aan koolstofintensieve activiteiten. De NACE-code van het bedrijf bepaalt of het wordt beschouwd als een sector met een grote impact op het klimaat .1

2024
Netto-inkomsten uit activiteiten in sectoren met een grote impact op het klimaat gebruikt
om de energie-intensiteit te berekenen
332,404,954.60
Netto-inkomsten (Overige) 16,506,495.35
Totaal netto-omzet (jaarrekening) 348,911,449.95

1 Een bedrijf wordt beschouwd als een sector met een grote impact op het klimaat als het is opgenomen in de NACE secties A tot en met H en sectie L (zoals gedefinieerd in Gedelegeerde Verordening (EU) 2022/1288 van de Commissie).

2.6.2 Energieverbruik van eigen bedrijf per brandstofbron

Het energieverbruik en de energiemix worden automatisch berekend met onze software voor broeikasgasemissies. Hieronder staat een overzicht per brandstofbron, waaruit blijkt dat het grootste deel van onze energie afkomstig is van fossiele brandstoffen, we geen energie uit nucleaire bronnen halen en een zeer kleine minderheid uit hernieuwbare bronnen.

Energieverbruik en -mix 2024
(1) Brandstofverbruik van steenkool en steenkoolproducten (MWh) 0.00
(2) Brandstofverbruik uit ruwe olie en aardolieproducten (MWh) 5,108.15
(3) Brandstofverbruik van aardgas (MWh) 1,735.86
(4) Brandstofverbruik uit andere fossiele bronnen (MWh) 0.00
(5) Verbruik van gekochte of aangekochte elektriciteit, warmte, stoom en koeling uit fossiele
bronnen (MWh)
3,232.15
(6) Totaal verbruik van fossiele energie (MWh) 10,076.16
Aandeel fossiele bronnen in totaal energieverbruik (%) 99.25%
(7) Verbruik uit nucleaire bronnen (MWh) 0.00
Aandeel verbruik uit nucleaire bronnen in totaal energieverbruik (%) 0.00%
(8) Brandstofverbruik voor hernieuwbare bronnen, inclusief biomassa (waaronder ook industrieel
en huishoudelijk afval van biologische oorsprong, biogas, hernieuwbare waterstof enz.) (MWh)
0.00
(9) Verbruik van gekochte of aangekochte elektriciteit, warmte, stoom en koeling uit
hernieuwbare bronnen (MWh)
11.38
(10) Het verbruik van zelf opgewekte niet als brandstof gebruikte hernieuwbare energie (MWh) 64.35
(11) Totaal verbruik hernieuwbare energie (MWh) 75.73
Aandeel hernieuwbare bronnen in totaal energieverbruik (%) 0.75%
Totaal energieverbruik (MWh) 10,151.89

In totaal bedraagt de productie van niet-hernieuwbare energie 3.749,94 MWh en die van hernieuwbare energie 64,35 MWh.

2.6.3 Energie-intensiteit van het eigen bedrijf

De energie-intensiteit van EXMAR wordt hieronder weergegeven als het resultaat van ons scope 1- en scope 2-energieverbruik gedeeld door de inkomsten van de sector met een grote impact op het klimaat, uitgedrukt in duizend USD.

Energie-intensiteit per netto-omzet 2024
(intensiteit*10^3)
Totaal energieverbruik van activiteiten in sectoren met een grote impact op het klimaat per netto
opbrengst van activiteiten in sectoren met een grote impact op het klimaat (MWh/Monetaire eenheid)
0.03

3.3 Sociaal

3.1 EXMAR FAMILIE

3.1.1 We waarderen je energie

De maritieme sector vormt een unieke uitdaging door de diverse personeelsstructuur, bestaande uit kantoorpersoneel dat in het hoofdkantoor en in regionale kantoren werkt, en zeevarenden die voornamelijk in dienst zijn van de scheepseigenaars en werken op schepen die door EXMAR worden beheerd.

Het eigen personeel van EXMAR kan worden onderverdeeld in twee grote delen:

  • Zeevarenden Het grootste deel van ons personeel is actief aan boord van onze schepen.
  • Kantoorpersoneel De meesten zijn continu actief in een kantooromgeving, maar een deel bezoekt regelmatig schepen, is op locatie bij klanten of op scheepswerven.

Niet-werknemers zijn mensen die worden aangenomen in tijden van beperkte middelen (bv. projectgerelateerd werk) of kansen die worden gegeven aan high potentials (bv. stages), ...

3.1.2 Eigen personeel

3.1.2.1 Beschrijving

Ons eigen personeel wordt gedefinieerd als iedereen met een rechtstreeks contract met EXMAR NV of een van haar dochterondernemingen. EXMAR meet het personeelsbestand op het einde van elk kalenderjaar, eerder dan als jaargemiddelde, om een nauwkeurige en actuele voorstelling van ons team te geven. Zeevarenden die op het einde van het jaar met tijdelijk verlof zijn, worden meegerekend in de telling omdat ze opgelijnd staan om terug aan boord te gaan.

Het verzamelen van gegevens voor zowel kantoorpersoneel als zeevarenden gebeurt via geschikte softwaretoepassingen, aangevuld met interne registers. Het aantal werknemers wordt gerapporteerd aan het einde van de rapportageperiode, per hoofd.

De verzameling van sociale meetstaven van dit personeelsbestand wordt systematisch beheerd via deze specifieke ERP-software, wat zorgt voor nauwkeurigheid, consistentie en gestroomlijnde rapportering. In gevallen waarin ERP-integratie niet beschikbaar is, heeft EXMAR een interne tool voor gegevensverzameling ontwikkeld, zij het met een lagere updatefrequentie. Hoewel geen van de sociale meetstaven extern gevalideerd wordt, behalve door Deloitte, blijft transparantie een topprioriteit. Tijdens het verzamelen van gegevens houden we ons strikt aan alle toepasselijke lokale regelgeving, waaronder GDPR, en respecteren we volledig het recht van individuen om persoonlijke informatie niet vrij te geven. Alle andere specifieke aannames die tijdens het verzamelen van gegevens worden gemaakt, worden expliciet gedocumenteerd.

3.1.2.2 Genderdiversiteit

Hieronder vindt u een gedetailleerd overzicht van ons personeelsbestand, ingedeeld naar geslacht.

Aantal werknemers
(head count)
Mannelijk 1,369
Vrouw 152
Andere 0
Niet gerapporteerd 0
Totaal Werknemers 1,521

Genderdiversiteit is een cruciale sociale factor die inclusiviteit, gelijkheid en vooruitgang weerspiegelt. Hoewel onze totale vertegenwoordiging van vrouwen 10% bedraagt, geeft dit cijfer niet volledig de vooruitgang weer die we hebben geboekt in het bevorderen van een meer divers personeelsbestand. Meer specifiek hebben we aan boord van onze schepen 2,54% vrouwelijke bemanningsleden - meer dan het dubbele van het sectorgemiddelde van 1,2% (BIMCO, 2021). Dit toont onze inzet om barrières te doorbreken in een traditioneel door mannen gedomineerde sector. Daarnaast vertegenwoordigt 40% van ons kantoorpersoneel vrouwen, wat onze toewijding aan genderevenwicht en inclusiviteit op alle operationele niveaus verder benadrukt.

3.1.2.3 Soorten contracten

Zeevarenden werken vaak op basis van tijdelijke contracten vanwege de unieke aard van de maritieme sector, met zijn specifieke operationele, regelgevende en logistieke uitdagingen:

  • Zeevarenden werken vaak in rotatiepatronen, zoals "3 maanden aan boord, 3 maanden vrij". Tijdelijke contracten zijn afgestemd op deze roterende schema's, waardoor zeevarenden langere perioden thuis kunnen doorbrengen tussen opdrachten in en een balans kunnen vinden tussen intensieve werkperioden en persoonlijke tijd.
  • Schepen opereren in internationale wateren onder verschillende vlaggen (een schip is geregistreerd onder een buitenlandse jurisdictie). Dit systeem stelt bedrijven in staat om zeevarenden uit verschillende landen aan te nemen onder tijdelijke regelingen die aansluiten bij verschillende arbeidswetten en kostenstructuren.

■ De flexibiliteit om de bemanning van het ene schip naar het andere over te plaatsen op basis van hun gespecialiseerde vaardigheden voor een bepaald type lading of schip. Dit zorgt voor diverse professionele ervaringen en carrièremogelijkheden.

Deze tijdelijke contracten bieden zeevarenden de flexibiliteit om opdrachten te kiezen die aansluiten bij hun persoonlijke en professionele doelstellingen, terwijl ze tussen de contracten door ook nieuwe mogelijkheden kunnen verkennen. Omdat we de waarde van ervaren en toegewijde bemanningsleden erkennen, geven we prioriteit aan retentieinspanningen, waardoor meer dan 70% van onze zeevarenden al meer dan vijf jaar bij EXMAR werkt.

Hieronder vindt u een overzicht van de verschillende contracttypes van ons eigen personeel.

Vrouw Mannelijk Andere Niet ge
rapporteerd
Totaal
Aantal vaste werknemers 121 181 0 0 302
Aantal tijdelijke werknemers 31 1,188 0 0 1,219
Aantal werknemers met niet
gegarandeerde uren
0 0 0 0 0
Aantal voltijdse werknemers 133 1,366 0 0 1,499
Aantal parttime werknemers 19 3 0 0 22
Totaal werknemers 152 1,369 0 0 1,521

In totaal verlieten 260 werknemers EXMAR in 2024. Met een personeelsverloop van 17,09% tonen we ons engagement om onze werknemers te behouden en in hen te investeren, om zo een stabiel en geëngageerd team te creëren dat succes op lange termijn stimuleert.

3.1.2.4 Multiculturele omgeving

Het personeelsbestand van EXMAR is een echte multiculturele omgeving die onze wereldwijde activiteiten weerspiegelt. We omarmen verschillende culturele perspectieven, waardoor we ons kunnen aanpassen aan de veranderende eisen van de internationale markten en onze wereldwijde partnerschappen kunnen versterken. De geografische spreiding van onze werknemers wordt weergegeven in de onderstaande tabellen:

Personeelsbestand per
geografisch gebied
Europa 620.00
Azië 708.00
Afrika 23.00
Noord-Amerika 102.00
Zuid-Amerika 67.00
Oceanië 1.00
Totaal 1,521.00

Hieronder vindt u een gedetailleerde lijst van landen waar ons personeelsbestand meer dan 50 werknemers telt. Dit benadrukt onze wereldwijde aanwezigheid en operationele schaalgrootte in belangrijke regio's, die bijna 88% van ons eigen personeel vertegenwoordigen.

Aantal werknemers
(head count)
België 210
India 300
Jamaica 56
Filipijnen 368
Oekraïne 214
Verenigde Staten 98
Kroatië 88
Totaal personeelsbestand
in landen > 50 mensen
1,334

3.1.2.5 Leeftijdsverdeling

Hieronder vindt u een uitgebreide uitsplitsing van ons personeelsbestand naar leeftijdsopbouw, die waardevolle inzichten biedt in de demografische samenstelling van onze werknemers in verschillende leeftijdsgroepen.

Leeftijdsverdeling
Jonger dan 30 jaar 220
30-50 jaar oud 1,031
Ouder dan 50 jaar 270

3.2 BELEID MET BETREKKING TOT EIGEN PERSONEEL

3.2.1 Principes

Voor kantoorpersoneel is het beleid van EXMAR afgestemd op de nationale arbeidswetgeving en de internationale arbeidsnormen, met bijzondere aandacht voor de vereisten van PC 226 (voor België). Deze wetten en beleidslijnen worden versterkt door onze gemengde comités, die ervoor zorgen dat we de erkende kaders voor eerlijke arbeidspraktijken en werknemersrechten naleven.

Ons beleid voor zeevarenden is afgestemd op de vereisten van de Maritime Labor Convention (MLC) 2006. Schepen worden waar nodig extern gecertificeerd, zodat ze voldoen aan de MLC-normen, waaronder de bescherming van de rechten van zeevarenden, arbeidsomstandigheden en veiligheid op zee.

Alle beleidsregels, zowel voor kantoorpersoneel als voor zeevarenden, zijn afgestemd op de VN-principes voor bedrijfsleven en mensenrechten.

EXMAR heeft een reeks beleidslijnen ontwikkeld om de belangrijke impacts, risico's en kansen in verband met ons personeelsbestand doeltreffend te beheren, met inbegrip van specifieke bepalingen voor verschillende groepen binnen het personeelsbestand. Deze beleidslijnen helpen om een eerlijke behandeling te garanderen, risico's te beperken en kansen te vergroten voor alle werknemers, ongeacht hun functie of locatie. Hieronder staan de relevante beleidsregels:

Privacybeleid, Duurzaamheidsbeleid, Beleid tegen intimidatie en non-discriminatie en bijbehorende procedures voor personeelsbezetting en werving

Het beleid voor gezondheid, veiligheid, kwaliteit en milieu (Health, Safety, Quality and Environment - HSEQ) is er voor de veiligheid en het welzijn van ons eigen personeel en voor het beheren van de risico's die gepaard gaan met maritieme activiteiten. Het HSEQbeleid is van cruciaal belang voor het minimaliseren van risico's, het beschermen van mensenlevens, het waarborgen van de operationele integriteit en het in stand houden van het maritieme ecosysteem. Voor zeevarenden betekent dit niet alleen dat ze zich aan deze richtlijnen moeten houden, maar ook dat ze proactief een cultuur van veiligheid en duurzaamheid moeten bevorderen. Dit is de hoeksteen van ons veiligheidsysteem (Safety Management System - SMS).

Iedereen verbindt zich ertoe en gedraagt zich naar de verwachtingen die zijn vastgelegd in de gedragscode van het bedrijf om ervoor te zorgen dat alle activiteiten aan boord op een veilige, ethische en efficiënte manier worden uitgevoerd, in overeenstemming met de toepasselijke regels en voorschriften. De werknemers moeten alle activiteiten uitvoeren met eerlijkheid en integriteit; alle collega's, klanten en partners met

respect en professionaliteit behandelen; duidelijke en tijdige communicatie onderhouden met alle betrokken partijen. Kennismaking met de Gedragscode maakt deel uit van het inwerkproces. De medewerkers worden aangemoedigd om iedereen bewust te maken van de Gedragscode en om eventuele overtredingen te melden via meerdere kanalen (inclusief anonieme opties) die door het bedrijf worden aangeboden. Voor de zeevarenden wordt extra nadruk gelegd op het begrijpen van de veiligheidsvisie van het bedrijf, het correct ingrijpen en beïnvloeden om onveilig werk of gedrag te voorkomen, en het behalen van doelen op het gebied van veiligheidsprestaties.

De Thuiswerk-regeling is ontworpen om in te spelen op de veranderende werkomgeving, met name voor werknemers die op afstand of in een hybride omgeving werken. De regeling heeft betrekking op gelijke toegang, evenwicht tussen werk en privéleven, welzijn, veiligheid en naleving. Onze trainingsprogramma's zijn erop gericht om de ontwikkeling en groei van alle werknemers te ondersteunen en ervoor te zorgen dat ze de vaardigheden en kennis hebben om succesvol te zijn in hun functie.

3.2.2 Mensenrechten inclusief arbeidsrechten

3.2.2.1 Beleid

EXMAR verbindt zich ertoe het respect voor de mensenrechten, met inbegrip van de arbeidsrechten, te handhaven en te bevorderen voor alle segmenten van ons personeelsbestand (kantoorpersoneel en zeevarenden). Dit engagement stemt overeen met zowel de nationale arbeidswetgeving als de internationale mensenrechtennormen, die mensenhandel, dwangarbeid of verplichte arbeid en kinderarbeid aanpakken. De belangrijkste principes zijn onder andere:

  • Respect voor vrijheid van vereniging en collectieve onderhandelingen: Het recht van werknemers ondersteunen om vakbonden op te richten of zich daarbij aan te sluiten en deel te nemen aan collectieve onderhandelingen (bijv. in overeenstemming met PC226).
  • Non-discriminatie en gelijke kansen: Ervoor zorgen dat geen enkele werknemer wordt gediscrimineerd op basis van ras, geslacht, leeftijd, religie, nationaliteit of enige andere status.
  • Eerlijke en veilige werkomstandigheden: Bied een omgeving waarin gezondheid, veiligheid en waardigheid voor alle werknemers prioriteit hebben.
  • Correcte verloning en arbeidsvoorwaarden: Eerlijke beloning en arbeidsvoorwaarden garanderen in overeenstemming met de geldende wetten en collectieve overeenkomsten.
  • Preventie van intimidatie en bevordering van welzijn: Een werkplek zonder intimidatie bevorderen en prioriteit geven aan mentale en fysieke gezondheid.
  • Toegang tot informatie: Zorg voor transparantie over de rechten en plichten van werknemers onder hun arbeidsvoorwaarden.

Voor kantoorfuncties wordt extra nadruk gelegd op de balans tussen werk en privé (flexibele werktijden en opties zoals werken op afstand), loopbaanontwikkeling (opleidingen, ontwikkelingsmogelijkheden en carrièrepaden) en de werkomgeving (met de nadruk op ergonomische, veilige en toegankelijke kantoorinrichtingen om het comfort en de productiviteit van werknemers te verbeteren).

De rechten en arbeidsomstandigheden van zeevarenden worden bepaald door de unieke aard van hun functie: vrijheid om in en uit dienstverband te treden (ervoor zorgen dat contracten in overeenstemming zijn met maritieme arbeidsverdragen en collectieve overeenkomsten, zodat zeevarenden hun contracten vrijwillig en vrij kunnen beëindigen); maritieme veiligheidsnormen (zich strikt houden aan internationale maritieme veiligheidsrichtlijnen, zoals SOLAS, om leven en eigendommen op zee te beschermen); leefomstandigheden aan boord (handhaving van hoge normen voor accommodatie, voeding en toegang tot recreatieve voorzieningen op schepen); toegang tot communicatie (bijv. zeevarenden de mogelijkheid bieden om contact te houden met familie en vrienden tijdens hun contract); repatriëringsrechten (zorgen voor tijdige repatriëring in overeenstemming met het Maritiem Arbeidsverdrag (MLC)).

Hoewel alle kantoormedewerkers en zeevarenden de mensenrechten en arbeidsnormen onderschrijven, is de toepassing van deze principes afgestemd op de unieke vereisten van de werkomgeving van elke groep. Dit garandeert billijkheid, veiligheid en respect voor iedereen die bij EXMAR in dienst is.

De verbintenis op het gebied van mensenrechten voor zowel kantoorpersoneel als zeevarenden weerspiegelen onze voortdurende inzet voor het creëren van een werkplek waar iedereen wordt gerespecteerd, eerlijk wordt behandeld en wordt beschermd tegen schade, ongeacht hun rol of locatie. Dit wordt geregeld via het beleid en de regelingen die in de principes worden genoemd.

Het respect voor de mensenrechten van werknemers wordt geregeld door het Corporate Zakelijk gedrag Charter en indien van toepassing door het afsluiten van collectieve overeenkomsten met relevante sociale partners. Daarnaast worden de arbeidsvoorwaarden voor zeevarenden gereguleerd door MLC 2006, waarbij schepen waar nodig worden geïnspecteerd en gecertificeerd door externe partijen.

3.2.2.2 Rapportering

Om mogelijke gevolgen voor de mensenrechten aan te pakken, heeft EXMAR mechanismen ingesteld waardoor kantoormedewerkers zowel intern (aan een aangewezen vertrouwenspersoon) als extern (via een externe preventiedienst) hun bezorgdheid kunnen uiten. Deze mechanismen zijn ontworpen om vertrouwelijkheid, geen represailles en een eerlijk beoordelingsproces te garanderen. Indien nodig kan er een grondig onderzoek worden ingesteld, uitgevoerd door een externe partij, om eventuele problemen op de juiste manier aan te pakken in overeenstemming met de best practices voor herstel van mensenrechten. Voor zeevarenden hebben we een klachtenprocedure geïmplementeerd die volledig in lijn is met de vereisten van de Maritime Labor Convention (MLC) 2006. Deze procedure zorgt ervoor dat zeevarenden herstel kunnen krijgen voor de ondervonden gevolgen op het gebied van mensenrechten, en biedt een transparant en effectief kanaal voor het uiten van zorgen en het oplossen van problemen, in overeenstemming met internationale maritieme arbeidsnormen.

Het aantal werkgerelateerde klachten, incidenten en klachten met betrekking tot sociale zaken en mensenrechten wordt op het hoofdkantoor verzameld door de HR-afdeling voor kantoorpersoneel en door de crewing-afdeling voor onze zeevarenden.

Deze gevallen worden gerapporteerd aan het managementteam en zij ontvangen regelmatig updates over de status van incidenten en klachten en de bijbehorende maatregelen.

In 2024 was het aantal gevallen van discriminatie 0. Er werd 1 zorg geuit door een werknemer. De betrokken partijen hadden een bemiddeling (gesprek) waarbij beiden de miscommunicatie begrepen en de kwestie respectvol oplosten. Geen van beide partijen nam deel aan een onderzoek en er werden geen disciplinaire maatregelen genomen.

In totaal hebben zich 0 ernstige mensenrechtenkwesties en incidenten met betrekking tot het eigen personeel voorgedaan die hebben geleid tot nul boetes of straffen. Indien van toepassing zullen de cijfers over materiële boetes, straffen en schadevergoedingen in verband met sociale en mensenrechtenkwesties met elkaar in overeenstemming worden gebracht en in de jaarrekening worden opgenomen.

3.2.3 Betrokkenheid van werknemers en inclusie

EXMAR streeft naar een zinvolle en doeltreffende betrokkenheid bij alle personeelsleden, gebaseerd op de kernprincipes van feedback, professionele ontwikkeling en zinvolle interacties. We erkennen dat de actieve betrokkenheid van onze bedienden en zeevarenden essentieel is voor het succes en

het welzijn van de organisatie. De benadering van kantoorpersoneel omvat regelmatige feedbackkanalen, zoals functioneringsgesprekken; het houden van onderzoeken naar de betrokkenheid van werknemers (bijvoorbeeld in september 2024) om waardevolle inzichten te verzamelen in de tevredenheid op de werkplek en mogelijkheden voor verbetering te identificeren. Daarnaast is er veel aandacht voor loopbaanontwikkeling en worden er gerichte trainingsprogramma's aangeboden. Een ander belangrijk element is het organiseren van groepsevenementen voor informele teambijeenkomsten, zoals conferenties, teambuildingactiviteiten en andere informele evenementen. Deze evenementen helpen de relaties binnen de EXMAR Groep te versterken en bevorderen een collaboratieve en coherente werkomgeving.

Voor zeevarenden ligt de focus op voortdurende communicatie, veiligheid en welzijn in de unieke context van maritieme tewerkstelling. De betrokkenheid vindt plaats via aanmeldingsvergaderingen, debriefings, bezoeken aan boord en evaluatiemomenten, waarbij voortdurende ondersteuning en feedback wordt gegeven tijdens hun contract. Een voorbeeld van veiligheidsen prestatie-evaluatie is de afmeldingsenquête, ontworpen om prestaties te beoordelen, feedback te verzamelen over werkomstandigheden en de veiligheidsvolwassenheid te meten. Initiatieven zoals bemanningsconferenties en kantoorbezoeken helpen de kloof tussen schip en wal te overbruggen, bouwen sterkere banden op en verbeteren de relatie tussen kantoorpersoneel en zeevarenden aanzienlijk. Er wordt speciale nadruk gelegd op het feit dat zeevarenden zich gesteund voelen tijdens lange perioden op zee, waarbij de uitdagingen van isolatie en beperkte sociale interactie worden aangepakt.

We streven ernaar een werkomgeving te creëren waarin iedereen wordt gewaardeerd, gerespecteerd en gestimuleerd. Ons beleid en onze praktijken zijn erop gericht een eerlijke en ondersteunende omgeving te creëren voor alle werknemers, ongeacht hun achtergrond of identiteit. Specifieke maatregelen zijn onder andere inclusieve wervingspraktijken (we hanteren een zeer internationaal en breed selectieproces, zodat kandidaten met verschillende achtergronden in aanmerking komen voor een baan); antidiscriminatie (onze arbeidsreglementen verbieden expliciet discriminatie op basis van ras, geslacht, leeftijd, handicap, seksuele geaardheid, religie of een andere door de wet beschermde eigenschap). We garanderen gelijke kansen voor loopbaanontwikkeling en ontwikkeling en werken actief aan een personeelsbestand dat diversiteit weerspiegelt. We hanteren een strikt antiintimidatiebeleid, zodat alle werknemers in een veilige en ondersteunende omgeving kunnen werken en - indien nodig - incidenten van intimidatie kunnen melden of aanpakken.

Onze toewijding aan mensenrechten, antiintimidatie en non-discriminatie is net zo belangrijk voor zeevarenden en we hebben specifiek beleid geïmplementeerd om hun rechten en welzijn op zee te beschermen: Mensrechten, Anti- intimidatie en antidiscriminatie beleid.

Dit beleid en de bijbehorende procedures, zowel voor kantoorpersoneel als voor zeevarenden, zorgen ervoor dat discriminatie wordt voorkomen, beperkt en aangepakt zodra het wordt ontdekt. Het beleid op het gebied van non-discriminatie en inclusie wordt regelmatig herzien en aangepast aan de veranderende behoeften van ons personeelsbestand. Het doel is dat elke vorm van discriminatie snel wordt aangepakt en beperkt om zo een echte inclusieve cultuur te creëeren. Als er discriminatie wordt vastgesteld, wordt dit aangepakt via een goed gedefinieerd rapportageproces met duidelijke procedures voor onderzoek en herstel.

EXMAR legt de nadruk op een consequente en zinvolle betrokkenheid bij de werknemers tijdens hun volledige loopbaan bij het bedrijf. Door regelmatig en op verschillende contactmomenten met onze werknemers in contact te treden, willen we hun succes, tevredenheid en welzijn tijdens hun hele loopbaan ondersteunen.

Voor kantoormedewerkers gelden de volgende stadia, soorten en frequentie van betrokkenheid.

  • Wervingsproces: de eerste betrokkenheid vindt plaats tijdens de werving, waarbij kandidaten worden beoordeeld op hun geschiktheid binnen het bedrijf en de bedrijfscultuur. Dit gebeurt via sollicitatiegesprekken, assessments en kennismakingsgesprekken met HR en relevante managers.
  • Inwerken: Bij indiensttreding doorlopen nieuwe werknemers een inwerkproces om hen in de organisatie te integreren. Introductie omvat oriëntatiesessies, kennismaking met het bedrijfsbeleid, training over belangrijke systemen en overzichten van de afdelingen. Dit vindt meestal plaats in de eerste dagen of weken van tewerkstelling. Aanvullende inwerkprogramma's kunnen plaatsvinden tijdens de promotie.
  • Regelmatige betrokkenheid vindt plaats tijdens het dienstverband, met geplande controlebezoeken om ervoor te zorgen dat werknemers zich gesteund voelen en om eventuele problemen aan te pakken. Dit zijn meestal informele bijeenkomsten (via ons opendeurenbeleid), afdelingsgesprekken met afdelingshoofden en andere informele discussies. Ze vinden regelmatig plaats, met een variërende frequentie afhankelijk van de afdeling of het specifieke onderwerp.
  • Prestatiebeoordelingen en loopbaanontwikkeling worden uitgevoerd om de vooruitgang van

werknemers te beoordelen, feedback te geven en mogelijkheden voor loopbaanontwikkeling te bespreken. Dit zijn formele vergaderingen met managers, die minstens 3 keer per jaar plaatsvinden.

  • Exit & offboarding: wanneer een medewerker de organisatie verlaat, voeren we exitgesprekken om feedback te verzamelen en te zorgen voor een soepele overgang.
  • Tijdens het dienstverband van een werknemer kan extra betrokkenheid plaatsvinden door middel van enquêtes of andere specifieke initiatieven (bijv. feedbacksessies, teambuildingactiviteiten). De frequentie varieert afhankelijk van het initiatief, meestal één of twee keer per jaar, of ad hoc indien nodig.

Voor de zeevarenden worden er bovendien aanmeldingsvergaderingen (om de verwachtingen door te nemen) georganiseerd met de senior officieren voorafgaand aan elk contract en de-briefings na afloop; evaluatievergaderingen maken deel uit van het evaluatieproces. Zeevarenden nemen ook deel aan andere vormen van communicatie, zoals conferenties of trainingsevenementen, om op de hoogte te blijven van ontwikkelingen in de sector en updates van het bedrijf.

We nemen proactieve stappen om te luisteren naar de stemmen en perspectieven van kwetsbare personen die vatbaar zijn voor bepaalde effecten of marginalisatie. Door gerichte feedbackmechanismen te implementeren (zoals, maar niet beperkt tot, onderzoeken naar de betrokkenheid van werknemers, één-op-één feedback, etc.), veilige en open communicatiekanalen te bieden en rechtstreeks in gesprek te gaan met werknemers en bemanningsleden, streven we ernaar de unieke uitdagingen waarmee ze worden geconfronteerd te begrijpen en aan te pakken. Deze inspanningen stellen ons in staat om mogelijke belemmeringen te identificeren, risico's te beperken en zinvolle veranderingen door te voeren die de algehele ervaring en het welzijn van ons personeel verbeteren.

Het is een cruciale verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat deze engagementactiviteiten plaatsvinden en dat de resultaten worden gedeeld in de organisatie:

Voor de kantoormedewerkers ligt de

verantwoordelijkheid bij de volgende rollen: Deputy COO (Chief Operating Officer) - heeft de primaire verantwoordelijkheid voor het overzien van de uitvoering van engagementactiviteiten voor alle kantoormedewerkers. De rol van de Deputy COO wordt ondersteund door het evenemententeam en de HRBP/ HR-directeur en het senior leadershipteam. Ze spelen een rol in de uitvoering van betrokkenheidsinitiatieven, die aansluiten bij de algemene doelen en cultuur van de organisatie en bijdragen aan positieve ervaringen en feedback van werknemers.

3.3 Sociaal

Voor de zeevarenden heeft de Managing Director de eindverantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat de engagementactiviteiten voor zeevarenden worden uitgevoerd en dat de resultaten worden gebruikt om verbeteringen in zowel operationele als personeelsstrategieën te stimuleren. Daarnaast spelen de afdelingshoofden van het vlootbeheer een belangrijke rol in het beheer van de dagelijkse engagementprocessen, waaronder werving, indiensttreding en evaluatie van bemanningsleden. Tot slot ondersteunen het hoofd bemanning en andere senior leiders in het maritieme operationele team de betrokkenheid bij zeevarenden, met name om hun veiligheid, operationele efficiëntie en werktevredenheid te garanderen.

Het beoordelen van de effectiviteit van de betrokkenheid van zowel kantoormedewerkers als zeevarenden omvat een combinatie van gestructureerde feedbackmechanismen (enquêtes, prestatiebeoordelingen, evaluaties, exitgesprekken) en de algehele prestaties worden bijgehouden aan de hand van verschillende KPI's (bijv. retentiepercentage).

Als gevolg daarvan nemen we deze perspectieven op in onze beslissingen en activiteiten om onze werkelijke en potentiële impact te beheren. De betrokkenheid zorgt ervoor dat de kennis, ervaring en inzichten van medewerkers, vooral die in kritieke functies, direct van invloed zijn op de operationele en strategische resultaten. Enkele voorbeelden:

  • Zeevarenden hebben een geformaliseerd kanaal om wijzigingen in bestaande procedures voor te stellen door een Document Change Request (DCR) in te dienen. Hierdoor kan hun operationele ervaring uit de eerste hand verbeteringen in processen en praktijken stimuleren.
  • Bemanningsleden aan boord spelen een centrale rol in de dagelijkse operationele beslissingen. Hun autonomie zorgt voor snelle en praktische reacties op situationele uitdagingen, afgestemd op bredere operationele kaders.

Betrokkenheid van hoger personeel en bemanning bij discussies over technische aspecten (bijv. Rondetafel met Technisch team van het bedrijf - hogere officieren waar nieuwe scheepsbouwtechnologie wordt besproken).

3.2.4 Klachtenbeleid

EXMAR hecht veel belang aan een snelle en doeltreffende aanpak van materiële negatieve gevolgen voor onze werknemers. Onze aanpak is gebaseerd op duidelijke, toegankelijke klachtenmechanismen, waaronder anonieme meldingssystemen en directe communicatiekanalen, zodat werknemers hun zorgen veilig en zonder aarzeling kunnen uiten. We geven prioriteit aan het begrijpen van de behoeften en zorgen van werknemers door actieve betrokkenheid bij de getroffen personen en, indien nodig, het inschakelen van directe managers om oplossingen en ondersteuning te vergemakkelijken.

Werknemers op kantoor hebben de mogelijkheid om contact op te nemen met hun eigen management om problemen aan te pakken en ideeën uit te wisselen, hetzij op ad-hocbasis of tijdens regelmatige vergaderingen. Zeevarenden kunnen altijd rechtstreeks contact opnemen met de kapitein onder de bepalingen van het Maritieme Arbeidsverdrag, en naast de gestructureerde interactie tussen kantoor en schip kunnen ze altijd contact opnemen met de Designated Person Ashore (DPA).

Onze medewerkers hebben toegang tot meerdere kanalen om zorgen of behoeften kenbaar te maken. Dit zorgt voor een grotere toegankelijkheid, een betere respons en vroegtijdige opsporing. De verschillende opties zijn bijvoorbeeld Open Door Policy (werknemers worden aangemoedigd om het management te allen tijde rechtstreeks te benaderen) en Togewijde HR Steun (een professioneel HR-team is beschikbaar om zorgen aan te pakken en begeleiding te bieden).

Indien nodig zijn er voor kantoormedewerkers Anonieme Meldkanalen beschikbaar. De externe preventiedienst garandeert vertrouwelijkheid voor gevoelige zaken en een effectieve follow-up. Voor zeevarenden is er een formele klachtenprocedure. Meldingen worden nauwlettend gevolgd en behandeld door een speciaal klachtenteam om tijdige en effectieve oplossingen te garanderen.

Het arbeidsreglement (kantoorpersoneel) en de klachtenprocedure (zeevarenden) beschrijven een gedetailleerd proces en stellen duidelijke, vertrouwelijke en formele methoden vast om klachten en grieven te melden en aan te pakken.

Om ervoor te zorgen dat alle medewerkers vertrouwen hebben in het systeem, zorgen ons beleid en onze procedures er expliciet voor dat iedereen die een klacht of grief indient, wordt beschermd tegen elke vorm van vergelding.

Kantoormedewerkers worden tijdens de inwerkperiode geïnformeerd over de vertrouwensstructuren en -processen. Zeevarenden ontvangen samen met hun arbeidsovereenkomst een exemplaar van de klachtenprocedure aan boord. Door bezoeken aan boord en bemanningsconferenties vergroten we het bewustzijn van de beschikbare methoden. Alle latere updates of wijzigingen van deze documenten worden apart gecommuniceerd om transparantie en bewustzijn te garanderen.

Meldingen en bijbehorende corrigerende maatregelen worden nauwlettend in de gaten gehouden en behandeld door de vertrouwenspersoon voor kantoorpersoneel of door een speciaal klachtenteam voor zeevarenden. We controleren of deze meldingen op tijd worden afgehandeld en voeren vervolggesprekken met de betrokken partijen om de effectiviteit te controleren.

3.3 SOCIALE PROJECTEN EN MAATREGELEN

3.3.1 Eigen personeel Actieplan

3.3.1.1 Sociale maatregelen

Om onze materiële Impacts, Risico's en Kansen (IRO) voor ons eigen personeel aan te pakken, zijn de volgende maatregelen op korte termijn gedefinieerd. De maatregelen gelden voor het hele personeelsbestand, tenzij anders aangegeven, en zijn al geïmplementeerd. Vanaf 2025 zullen we rapporteren over de voortgang van de genomen maatregelen.

  • Duurzaamheid en de bijbehorende beleidslijnen en procedures zorgen ervoor dat het personeel in een multiculturele omgeving kan werken. EXMAR is actief in een wereldwijde context, streeft ernaar lokaal personeel aan te werven en zet zich actief in voor de ontwikkeling van lokale arbeidskrachten.
  • Wervings- en aanwervingspraktijken zorgen ervoor dat het personeel profiteert van eerlijke arbeidsvoorwaarden en vrijheid van vereniging. Daarbij richten we ons op of overtreffen we de toepasselijke vereisten en nemen we waar nodig collectieve onderhandelingen aan.
  • Er bestaan opleidingsprogramma's om de vaardigheden en bekwaamheid van bemanningsen kantoorpersoneel te verbeteren. EXMAR werkt nauw samen met plaatselijke opleidingsinstituten om dergelijke opleidingen te organiseren voor zowel personeel als studenten en zo kansen te creëren voor hun verdere loopbaan. Er werden specifieke doelen en doelstellingen bepaald om de vooruitgang op te volgen en de doeltreffendheid van de opleiding te evalueren.
  • Er wordt gezorgd voor Adequate huisvesting voor kantoorpersoneel werkzaam in het buitenland en we begeleiden hen bij hun integratie in het lokale land. Voor onze zeevarenden overtreft EXMAR de vereisten van het Maritieme Arbeidsverdrag (MLC) betreffende de leefomstandigheden op alle nieuwbouwschepen

die door EXMAR worden ontworpen en besteld. Ons engagement reikt verder dan de naleving van de conventie: we betrekken (voormalig) zeevarend personeel bij het ontwerp en geven prioriteit aan het welzijn en comfort van onze bemanning met verbeterde huisvestingsnormen op zee.

Veiligheid van zeevarenden en werknemers: Beleid, procedures, werkinstructies en bijlagen zijn verzameld in een elektronisch veiligheidsbeheersysteem (SMS). Dit is opgezet om ervoor te zorgen dat het personeel in een gezonde en veilige omgeving kan werken, met als doel het aantal ongevallen met verzuim tot een minimum te beperken, of het nu gaat om werk op kantoor, op projectlocaties of aan boord onze schepen.

Om onze veiligheidsmentaliteit verder te versterken, zijn er programma's opgezet om de veiligheid en het welzijn van werknemers aan wal en zeevarenden te bevorderen. Deze worden ontwikkeld en beheerd door het HSEQ-team.

  • De EXMAR-methode"taking the safety lead" (TTSL) is een initiatief om mensen naar een veel hoger niveau van veiligheidsvolwassenheid te leiden. Het uiteindelijke doel van TTSL is een cultuur te bekomen waarin men proactief te werk gaat om EXMAR veiligheidsbewustzijn, -gedrag en -praktijken te verbeteren. TTSL cultiveert en versterkt de perceptie van de werknemers over de manier van werken van EXMAR. De belangrijkste elementen waarop TTSL zich concentreert, zijn de volgende:
    • Risicobeheer
    • Leiderschap in veiligheid
    • Gezondheid en welzijn
    • Rapportage van incidenten
    • Veiligheidsmentaliteit en -gedrag
    • Training

  • EXMAR beschikt over opleidingsprogramma's om de vaardigheden en kwalificaties van de bemanning en het kantoorpersoneel voortdurend te verbeteren. Deze programma's omvatten zowel standaard opfrissingssessies in overeenstemming met de wettelijke en bedrijfsspecifieke vereisten, als ad hoc opleidingsupdates naar aanleiding van incidentenonderzoeken. Onze interne trainingen omvatten cursussen om de energie-efficiëntie aan boord te optimaliseren, trainingen in veiligheidsleiderschap, diverse milieugerelateerde onderwerpen zoals ballastwaterbeheersystemen, gevaren van scheepsbrandstoffen, geestelijke gezondheid en andere trainingen om het welzijn van de bemanning te verbeteren.
  • Er worden regelmatig veiligheidscampagnes gehouden om de veiligheid van zeevarenden en kantoorpersoneel te bevorderen. Incidenten worden consequent gemeld en opgevolgd en er wordt uitgebreid onderzoek gedaan naar incidenten met een hoog potentieel of een hoge ernst.
    • Het veiligheidsbeheersysteem (SMS) wordt jaarlijks intern geëvalueerd. Er zijn meerdere regelgevende instanties die onze naleving van zowel lokale als internationale regelgeving controleren. Variërend van jaarlijkse Document of Compliance (DOC) audits door alle vlaggen, interne audits, ISM/ISPS/ MLC-audits aan boord door de vlaggenstaat, regelmatige havenstaatcontrole-inspecties en technische inspecties tot commerciële audits (zoals SIRE-doorlichtingsinspecties, CDI-inspectie, OVID-inspectie en Green Award-audits en TMSAaudits) en certificering (ISO 9001 (kwaliteit), ISO 14001 (milieu), ISO 50001 (energie-efficiëntie) en ISO 45001 (gezondheid en veiligheid)).

EXMAR tracht bijkomende positieve effecten te genereren via de volgende maatregelen. Aangezien deze initiatieven en hun effecten echter minder kwantificeerbaar zijn, zullen ze niet worden vertaald in specifieke doelen, noch zullen hun potentiële financiële voordelen worden berekend.

  • We richten ons op loopbaanontwikkeling, het opzetten van leadership track programma's en programma's om het welzijn van kantoorpersoneel en zeevarend personeel te bevorderen. Als familiebedrijf geven we prioriteit aan de interpersoonlijke band tussen collega's door middel van verschillende teaminitiatieven (zoals nieuwjaarsborrels, conferenties, teambuildingactiviteiten, informele samenkomsten, kerstontbijt, ...).
  • Daarnaast onderhoudt EXMAR nauwe banden met tal van maritieme instellingen om high potentials in een zeer vroeg carrièrestadium te identificeren en onze zeevarenden en toekomstig kantoorpersoneel van bij het prille begin van hun carrière te rekruteren. Een voorbeeld hiervan is de jarenlange samenwerking tussen EXMAR en de Antwerpse Maritieme Academie en het gevestigde Caribbean Maritime Training Institute (Jamaica) of de Mapua School en het Philcamsat opleidingscentrum (Filippijnen). Studenten worden begeleid op het vlak van Masterproefonderwerpen, zodat theorie en praktijk waar mogelijk op elkaar worden afgestemd.
  • EXMAR is pionier op het vlak van alternatieve brandstoftypes, met schepen op LPG die al in de vaart zijn en de eerste gastankers op ammoniak die momenteel worden gebouwd. Zowel kantoorpersoneel als zeevarenden zijn betrokken bij het ontwerp en de bouw van deze schepen en bij de ontwikkeling van operationele procedures om hun veilige exploitatie te garanderen. Dit leidt tot nieuwe carrièremogelijkheden, personeelsgroei en aanvullende specifieke training van het betrokken personeel.

Om dit ambitieuze actieplan succesvol te implementeren, zijn speciale teams strategisch gericht op initiatieven op het gebied van duurzaamheid, milieu-, sociaal- en governance (ESG) en maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO). De HR- en crewingteams spelen een zeer belangrijke rol. Deze teams worden verder versterkt door cross-functionele samenwerking, wat zorgt voor een holistische en geïntegreerde aanpak om een zinvolle en blijvende impact te hebben.

3.3.1.2 Financiële middelen Sociaal actieplan

De volgende huidige financiële middelen zijn beschikbaar gesteld om het actieplan uit te voeren, toekomstige financiële middelen zijn nog niet inbegrepen.

Maatregelen Kosten Waarde Commentaar Referentie
Financiële
verklaring
Veiligheid eigen
personeel
HSEQ
verheadkosten
OPEX 786,179 Toelichting 10 -
Personeelskosten
Onverwachte
externe kosten
CAPEX 894,267 Schepen onder
huuronder
breking
Toelichting 6
- Kosten voor
schepen
Kosten voor
regelgevende
OPEX
18,800
en commerciële
naleving
DOC- en
ISO-certificaten
Toelichting 6
- Kosten voor
schepen
Multiculturele
omgeving
Loopbaan
ontwikkeling
- De voordelen zijn
niet berekend
Toelichting 10
- Personeelskos
ten
Vrijheid van
vereniging
- De voordelen zijn
niet berekend
Niet van toepas
sing
Collectieve
onder
handelingen
Lonen
bemanning
boven CAO
OPEX 247,581 Delta tussen de
salarissen van de
EXMAR-beman
ningsleden en
de wettelijke
CAO-niveaus
Toelichting 10
- Personeelskos
ten
Vaardigheden en Opleidingskos
ten bemanning
OPEX 1,643,501 Kosten gemaakt
door EXMAR voor
de opleiding van
bemanningsle
den
Toelichting 10
- Personeelskos
ten
competenties Opleidingskos
ten hoofdkan
toor
OPEX 57,518 Kosten gemaakt
door EXMAR
voor de oplei
ding van HQ
werknemers
Toelichting 10
- Personeelskos
ten
Adequate
huisvesting
Upgrades voor
nieuwe schepen
CAPEX - Geen nieuw
bouwschepen
geleverd in 2024
Niet van toepas
sing
Totaal Mix 3,647,847

De gerelateerde personeelskosten zijn te vinden in Noot 10 van de geconsolideerde jaarrekening.

3.3.1.3 Evaluatie van sociale risico's

Naast het actieplan voor het eigen personeel zijn de volgende verzachtende maatregelen van kracht om ervoor te zorgen dat het personeel geen negatieve gevolgen ondervindt:

  • Prioriteit geven aan veiligheid op de werkplek en maatregelen implementeren om ongevallen en verwondingen te voorkomen.
  • Transparante communicatie over bedrijfsdoelen, veranderingen en mogelijke gevolgen.
  • Eerlijke behandeling van alle werknemers, ongeacht hun rol of achtergrond
  • Initiatieven om werk en privé in balans te brengen, waaronder flexibele werkopties zoals werken op afstand en flexibele uren.
  • Werknemers aanmoedigen om vrij te nemen en hun vakantiedagen te gebruiken.
  • Middelen en ondersteuning bieden voor geestelijke gezondheid via externe adviesdiensten.
  • Bevorderen van fysieke gezondheid door bijvoorbeeld fitnessprikkels en ergonomische werkplekken.
  • Regelmatig enquêtes onder werknemers houden.
  • Open-deurbeleid, om open communicatie en feedback aan te moedigen.

Om onze risicobeperkende maatregelen voortdurend te verbeteren, spelen de inzichten uit regelmatige vergaderingen en onderzoeken naar de betrokkenheid van werknemers een cruciale rol. Dankzij deze proactieve aanpak kunnen we negatieve gevolgen voor ons personeel identificeren en beperken voor ze escaleren. Bovendien wordt bij ernstige ongevallen een grondige analyse van de oorzaak uitgevoerd. De corrigerende maatregelen worden effectief geïmplementeerd om herhaling te voorkomen en de algemene veiligheid op de werkplek te verbeteren.

Alle geïdentificeerde materiële risico's die voortvloeien uit de gevolgen en afhankelijkheden van het eigen personeel worden behandeld in de prestatiebeoordelingen. Het resultaat van de prestatiebeoordelingen zijn maatregelen die specifiek, meetbaar, haalbaar, tijdgebonden en realistisch zijn (SMART-acties). De doeltreffendheid van de genomen maatregelen wordt tijdens de prestatiebeoordelingen nauwlettend in de gaten gehouden.

Deze worden op gezette tijden uitgevoerd in de verschillende entiteiten van de Groep, rekening houdend met de input van relevante proces-KPI's.

3.3.1.4 Sociale doelen

De volgende doelen zijn vastgesteld met 2024 als uitgangswaarde:

  • Veiligheid van zeevarenden en werknemers: Nul dodelijke ongevallen
  • Trainingsprogramma's:
    • 100% voltooiing van de wettelijk verplichte training voor alle werknemers
    • 85% voltooiing van de bedrijfsspecifieke vereiste training voor zeevarenden
  • Multiculturele omgeving: Voor onze zeevarenden zorgen we ervoor dat de drie grootste nationaliteitsgroepen samen niet meer dan 65% van de totale diversiteit van onze bemanning uitmaken.

De arbeidsomstandigheden van zeevarenden worden voornamelijk bijgehouden door de naleving van de MLC 2006-vereisten te controleren via externe inspectie en certificering. De controles omvatten het toezicht op de vereisten inzake minimumleeftijd, medische certificering, opleiding en kwalificatie, rekrutering en arbeidsbemiddeling, arbeidsovereenkomsten, betaling van lonen, werk- en rusttijden, tijdige repatriëring, verlof, bemanningssterkte, accommodatie en recreatiefaciliteiten, voedsel en catering, medische zorg, gezondheid en veiligheid op het werk en socialezekerheidsregelingen.

Vanaf volgend jaar zullen we deze KPI's verder uitwerken met de volgende onderwerpen:

■ Retentiegraad voor kantoorpersoneel en zeevarenden

  • Ongeval met tijdelijke arbeidsongeschiktheid
  • Veiligheidscampagnes en het delen van informatie
  • Voltooiing van bedrijfsspecifieke vereiste training voor kantoormedewerkers
  • Minimaliseren van ongevallen en incidenten

Er zijn geen specifieke doelen of meetstaven gedefinieerd voor adequate huisvesting en Collectieve Onderhandelingen (CAO's). Dit betekent dat de effectiviteit van ons beleid nog niet voor alle geïmplementeerde maatregelen wordt bijgehouden.

Tijdens het vaststellen van doelen wordt input uit verschillende bronnen, zoals strategische kantoorvergaderingen, managementforums, vergaderingen van de gezondheids- en veiligheidscommissie aan boord, SMS-beoordelingen en informele discussies, geanalyseerd en geïntegreerd in relevante managementcontroles. Deze inzichten helpen bij het vormen van zinvolle doelstellingen en doelen die vervolgens duidelijk worden gecommuniceerd in het hele bedrijf om te zorgen voor afstemming, collectieve betrokkenheid en integratie in de persoonlijke doelomschrijvingen.

We betrekken ons personeel en hun vertegenwoordigers actief bij het volgen van de prestaties ten opzichte van doelen via aangewezen werkgroepen, overlegvergaderingen en gestructureerde feedbackkanalen. Medewerkers worden aangemoedigd om inzichten te delen via betrokkenheidsenquêtes en directe rapportagemechanismen. Hoewel onze huidige aanpak participatie garandeert, streven we ernaar de betrokkenheid verder te versterken door de toegankelijkheid van gegevens te verbeteren, interactieve tools voor het volgen van prestaties te implementeren en meer samenwerking tussen afdelingen te stimuleren.

Niet-leidinggevende werknemers dragen actief bij aan het identificeren van geleerde lessen en het stimuleren van verbeteringen door middel van verschillende processen, waaronder regelmatige vergaderingen, prestatiebeoordelingen en onderzoeken naar incidenten. Hun inbreng speelt een cruciale rol bij het verbeteren van de operationele efficiëntie en de veiligheid op de werkplek. Om deze betrokkenheid verder te versterken, streven we naar meer gestructureerde feedbacklussen op kantoor.

3.3.2 Systeem voor gezondheid, veiligheid, milieu en kwaliteit

Bepaalde entiteiten en activa binnen de EXMAR Groep worden onderworpen aan een externe audit en certificering, waarbij wordt voldaan aan de vereisten van de ISM-code, de Maritieme Arbeidsconventie 2006, MARPOL, SOLAS en ISO-normen.

Interne audits worden op gezette tijden gepland en uitgevoerd in overeenstemming met de geldende eisen. Vanwege de gevaarlijke aard van onze activiteiten is het belangrijk dat ons eigen personeel toegang heeft tot onze HSEQ-systemen. Hieronder vindt u een overzicht van het percentage mensen dat onder een HSEQsysteem valt.

Werknemer Totaal
Personeel dat onder
HSEQ-systeem valt
1,521.00 1,521.00
Percentage gedekt
door HSEQ-systeem
100.00% 100.00%

Hieronder vindt u een tabel met de belangrijkste meetstaven met betrekking tot gezondheid en veiligheid, die onze toewijding aan het handhaven van een veilige en zekere werkomgeving weerspiegelen. Voor onze zeevarenden worden deze meetstaven bijgehouden in speciale ERP-software (Task Assistant), voor kantoormedewerkers is een interne tool opgezet.

Totaal
Dodelijke slachtoffers 0
Aantal geregistreerde werkgerelateerde
ongevallen
18
Geregistreerde werkgerelateerde
ongevallen ratio
2.72%
Dodelijke slachtoffers onder werknemers
in de waardeketen
0

3.3.3 Collectieve onderhandelingen

Werknemers op kantoor zijn vrij om zich aan te sluiten bij de vakbond van hun keuze.

Voor zeevarenden neemt het bedrijf deel aan regelmatige vergaderingen tussen de Associatie van Reders en de vakbonden in België, waarbij arbeidsvoorwaarden en sociale zekerheidsvoordelen voor zeevarenden aan boord van schepen onder Belgische en andere vlag worden besproken. Onze werknemers worden momenteel niet

vertegenwoordigd door een Europese Ondernemingsraad, aangezien dit voor EXMAR geen formele vereiste is. We blijven ons echter inzetten voor een open en constructieve dialoog met onze werknemers via andere communicatie- en feedbackmechanismen.

Als onderdeel van ons streven om de rechten van werknemers te handhaven, eerlijke lonen te bevorderen en transparante arbeidsrelaties aan te moedigen, valt een aanzienlijk deel van ons personeel onder Collectieve Arbeidsovereenkomsten (CAO's).

Momenteel valt 85,93% van onze werknemers onder een CAO, waardoor ze kunnen profiteren van onderhandelde voorwaarden op het gebied van lonen, arbeidsomstandigheden, secundaire arbeidsvoorwaarden en andere arbeidsgerelateerde zaken.

De tabel hieronder geeft een gedetailleerd overzicht van de dekking van de CAO's in de verschillende regio's en biedt een uitgebreid overzicht van onze arbeidsovereenkomsten en personeelsvertegenwoordiging. Deze gegevens worden verzameld via een speciaal hulpmiddel, Adonis, voor onze zeevarenden, terwijl ze worden verzameld via een intern hulpmiddel voor de kantoormedewerkers.

COLLECTIEVE ONDERHANDELINGSDEKKING SOCIALE DIALOOG

Dekkingspercentage2 Werknemers - EER Werknemers - Niet-EER Vertegenwoordiging op
de werkplek (alleen EER)
0-19%
20-39% België
40-59%
60-79%
80-100% België Oost-Europa
80-100% Zuidoost-Azië
80-100% Zuid-Azië

2 Voor landen met >50 werknemers die >10% van het totaal aantal werknemers vertegenwoordigen.

3.4 Zakelijk gedrag

4.1 ZAKELIJK GEDRAG

4.1.1 Exmar Waarden

EXMAR streeft naar creativiteit en technologische innovatie om de wereld steeds sneller, veiliger, efficiënter en duurzamer van energie te voorzien. Dit is verankerd in onze bedrijfscultuur en komt tot uiting in onze waarden:

  • We zijn partners
  • We zijn respectvol
  • We zijn innovatief
  • We zijn wendbaar
  • Wij zijn experts
  • Wij zijn eigenaars

Deze waarden zijn in 2024 herzien aan de hand van enquêtes en diepte-interviews met medewerkers en externe stakeholders. Om de vernieuwde bedrijfscultuur te promoten werden er verschillende informatiesessies georganiseerd onder leiding van de Deputy COO.

4.1.2 Beleid inzake zakelijk gedrag

4.1.2.1 Ethische cultuur

Om de hoogste normen van bedrijfsethiek, bedrijfsintegriteit en naleving van de regelgeving te garanderen, hebben we een uitgebreide reeks beleidsregels geïmplementeerd om IRO's in verband met zakelijk gedrag te beheren. Dit beleid biedt een robuust kader voor ethische besluitvorming, risicobeperking en corporate governance en dient als basis voor een transparante, veerkrachtige en verantwoordelijke bedrijfsomgeving. De beleidsregels zijn te vinden op onze website.

1. Bedrijfsethiekcode - Deel van de Corporate Governancecode van het bedrijf

2. Dealing Code - Deel van het Corporate Governance Charter van de Onderneming

3. Handboek naleving

  • Beleid voor fraude- en corruptiebestrijding
  • Antitrust en mededingingsbeleid
  • Anti-witwasbeleid
  • Sanctiebeleid
  • Privacybeleid
    • Extern
    • Intern (niet online gepubliceerd)
  • Beleid voor aanvaardbaar gebruik
  • HSEQ-beleid
  • Klokkenluidersregeling
  • Beleid intellectueel eigendom
  • Duurzaamheidsbeleid

EXMAR hecht veel belang aan een sterke ethische cultuur en keurt geen gedrag goed dat indruist tegen de lokale en internationale wetten, de Code of Business Ethics, de Compliance Manual van EXMAR of andere interne procedures. Wij verbinden ons ertoe incidenten in verband met zakelijk gedrag onmiddellijk, onafhankelijk en objectief te onderzoeken.

Bij EXMAR hanteren we een opendeurenbeleid. Volgens de Bedrijfsethiekcode moedigen we aan om elke kwestie of bezorgdheid die de werknemers, andere personen of het bedrijf in gevaar kan brengen, te melden aan de directe manager. Afhankelijk van de mogelijke kwestie kan dit worden doorverwezen naar de afdeling Human Resources of de Chief Financial Officer (CFO). Een klokkenluidersregeling biedt extra rapportagekanalen en bescherming.

Het staat iedereen vrij om zorgen over mogelijke onregelmatigheden in ESG-kwesties direct te melden aan de voorzitter van de Audit- en Risicocommissie.

Om de regels en wetten optimaal na te leven en om de risico's op inbreuken en de mogelijke nadelige gevolgen voor EXMAR en al haar stakeholders te beperken, heeft de RvB een complianceprogramma geïmplementeerd. Dit programma werd ontwikkeld in samenwerking met het management en externe adviseurs en is

gebaseerd op de internationale norm COSO Framework (Committee of Sponsoring Organizations). Het is gericht op het bereiken van een permanente staat van naleving door middel van procedures en structuren die gericht zijn op voortdurende verbetering.

Het complianceprogramma bevat een Compliance Risk Universe, met gedetailleerde risico's voor wettelijke, regelgevende en bedrijfsvereisten. Risicobeoordelingscriteria worden toegepast en er worden Key Risk Officers en een Compliance Officer aangesteld. Het Compliance Model van EXMAR beschrijft de structuren en procedures die worden gebruikt om risico's te beoordelen en op te sporen, om overtredingen te rapporteren en in te perken en om bijkomende opleidingen te geven. Elke nieuwe kantoormedewerker moet dit complianceprogramma volgen, zie hoofdstuk 4.3.2. voor meer informatie.

4.1.2.2 Bescherming van klokkenluiders

EXMAR houdt zich strikt aan alle wettelijke vereisten en regelgevende kaders betreffende de bescherming van klokkenluiders en zorgt voor een veilige, vertrouwelijke en vergeldingsvrije omgeving voor personen die wangedrag of onethische praktijken melden. Het bedrijf heeft een duidelijk beleid en rapportagemechanismen opgesteld die in lijn zijn met de toepasselijke wetten ter bescherming van klokkenluiders, wat het streven naar transparantie, integriteit en verantwoord ondernemen versterkt. Er is geen specifieke training voor het klokkenluidersbeleid.

Het huidige klokkenluiderbeleid biedt mogelijkheden om zorgen te uiten of een geval van niet-naleving te rapporteren. Klokkenluiderszaken kunnen op vertrouwelijke basis worden gemeld via een EXMAR Ship Management Reporting Channel (HR Director) of Group Reporting Channel (Chief Legal Officer, CLO). Anonieme melding is mogelijk, de bescherming van de klokkenluider is expliciet voorzien en het Privacybeleid is van toepassing op alle verwerkte gegevens.

Het beleid wordt voortdurend herzien om in overeenstemming te zijn met de meest recente wettelijke vereisten en geeft details over het verzamelen van informatie, de interne follow-up, het onderzoek, de feedback, de beslissing, het bijhouden van gegevens en gegevensbescherming.

4.1.3 Maatregelen bedrijfsgedrag

4.1.3.1 Zakelijk gedrag maatregelen

Om onze materiële IRO voor zakelijk gedrag aan te pakken, zijn de volgende maatregelen gedefinieerd:

  • Invloed van nieuwe internationale en/of lokale regelgevingen: We respecteren de hoge regelgevingsstandaard en streven naar naleving van de regelgeving die van toepassing is op EXMAR. We streven naar een succesvolle afronding van alle audits en certificeringsprocessen die van toepassing zijn op onze activiteiten. Indien nodig investeren we in digitalisering voor (nieuwe) regelgevingen, zoals het programma Tagetik om te voldoen aan de CSRD-rapportering. Naast naleving geven we actief vorm aan de regelgeving voor de sector door samen te werken met belangrijke organisaties uit de sector, zoals de Royal Belgian Shipowners' Association (RBSA), Intertanko, OCIMF, ... waardoor we inzichten kunnen leveren over regelgeving in ontwerp die een impact hebben op onze sector.
  • Preventie en opsporing van corruptie: We streven naar nul incidenten door omkoping. Dit kan worden bereikt door het lidmaatschap van EXMAR van het Maritime Anti-Corruption Network (MACN), dat tot doel heeft de bemanningen van de schepen instrumenten te geven om omkoping te bestrijden, en door duidelijke richtlijnen van het bedrijf over anti-omkoopprocedures.
  • Mensenrechten: We respecteren de mensenrechten te allen tijde en creëren bovendien een werkomgeving van vertrouwen en respect. De Bedrijfsethiekcode beschrijft onze manier van werken en de leidende principes: integriteit en ethiek zullen de manier van zakendoen van EXMAR en de relatie met de werknemers blijven kenmerken. Respect voor individuen is een van de belangrijkste verantwoordelijkheden.

Al deze maatregelen worden voortdurend uitgevoerd (kortetermijnmaatregelen).

4.1.3.2 Financiële middelen Zakelijk gedrag

Hieronder zijn de kosten voor lobby- en netwerkactiviteiten van EXMAR-entiteiten doorheen het jaar (bv. MACN) opgelijst. Daarnaast hebben we kosten gemaakt in verband met de implementatie van een nieuwe softwaretool waarmee we op een gestandaardiseerde manier kunnen rapporteren (Tagetik CCH).

De volgende huidige financiële middelen zijn beschikbaar gesteld om het actieplan uit te voeren, toekomstige financiële middelen zijn nog niet inbegrepen.

Maatregelen Kosten Waarde Commentaar Referentie Financiële
verklaring
Invloed van
nieuwe inter
Lobby- en
netwerkactiviteiten
OPEX 80,787 Toelichting 9 -
Verkoop- en algemene
beheerskosten
nationale en/of
lokale regelgeving
Digitalisering voor
nieuwe regelge
ving
OPEX 45,067 Toelichting 9 -
Verkoop- en algemene
beheerskosten
Preventie en
opsporing van
corruptie
Nalevingstraining OPEX - Opleidingskosten
MACN inbegrepen
in abonnement (zie
netwerkactiviteiten)
- Opleiding kantoor
inbegrepen in oplei
dingskosten HQ in
sociale maatregelen
Toelichting 9 -
Verkoop- en algemene
beheerskosten -
­Toelichting 10 -
Personeelskosten
Mensenrechten OPEX - Bestaand beleid Niet van toepassing
Totaal OPEX 125,853

4.1.3.3 Doelen voor zakelijk gedrag

Om de effectiviteit van deze maatregelen te meten en onze inzet voor ethische bedrijfspraktijken te versterken, hebben we twee belangrijke prestatieindicatoren geïmplementeerd, die beide gericht zijn op absolute naleving:

  • Geen overtredingen van regelgeving
  • Nul incidenten door omkoping

Deze meetstaven weerspiegelen onze niet aflatende toewijding aan integriteit, transparantie en uitmuntende regelgeving in alle aspecten van onze activiteiten.

De meetstaven in dit hoofdstuk over governance worden alleen gecontroleerd door onze assurance provider.

In 2024 (eerste jaar van rapportage volgens de CSRD) hebben we ons gericht op de processen, verantwoordelijkheden, beleidslijnen en gegevensverzameling van onze belangrijkste IRO's. De analyse van de gegevens en het stellen van doelen voor de follow-up zal vanaf volgend jaar worden georganiseerd door de ExCo samen met het ESG taskforce, de belangrijkste Key Risk Officers en de Audit- en Risicocommissie. Afhankelijk van de aard van het onderwerp zal de monitoring elk kwartaal of op een constante manier 24/7 plaatsvinden, bijvoorbeeld scheepsgerelateerde beveiliging.

4.2 ROL VAN ONZE RAAD VAN BESTUUR IN DE ESG-STRATEGIE

4.2.1 Diversiteit topmanagement

Het topmanagement van de Groep wordt vertegenwoordigd door de Raad van Bestuur (RvB) en het Executive Committee (ExCo). Het ExCo heeft de operationele leiding en rapporteert rechtstreeks aan de RvB. De RvB is het bestuursorgaan van EXMAR en is verantwoordelijk voor de strategische besluitvorming, het toezicht op corporate governance, het afleggen van verantwoording en het sturen van de organisatie naar duurzame groei en succes op lange termijn.

Administratief Beheer
Onafhankelijk Uitvoerend 0.00 0.00
Niet-uitvoerende 5.00 0.00
Afhankelijk Uitvoerend 3.00 5.00
Niet-uitvoerende 2.00 0.00
10.00 5.00

In totaal is 50,00% van het topmanagement onafhankelijk.

Raad van Bestuur
(RvB)
Uitvoerend Comité
(ExCo)
RvB + RvB
Mannelijk 6.00 5.00 9.00
Vrouw 4.00 0.00 4.00
Niet bekendgemaakt 0.00 0.00 0.00
Andere 0.00 0.00 0.00
Totaal 10.00 5.00 13.00
Diversiteit Percentage 40.00% 0.00% 30.77%

4.2.2 Verantwoordelijkheid topmanagement

Volgens het Corporate Governance Charter van EXMAR is de RvB het hoogste beslissingsorgaan van EXMAR en is de RvB bevoegd om alle handelingen te stellen die nodig of nuttig zijn voor de verwezenlijking van het doel van de Vennootschap, met uitzondering van de handelingen die volgens het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen of de gecoördineerde statuten voorbehouden zijn aan de Algemene Vergadering.

De RvB streeft naar het langetermijnsucces van het bedrijf, zorgt voor het nodige leiderschap en de identificatie en het beheer van risico's. Ze zijn verantwoordelijk voor de algemene strategie en waarden van EXMAR, gebaseerd op sociale, economische en milieuverantwoordelijkheid, genderdiversiteit en diversiteit in het algemeen.

De RvB streeft naar duurzame waardecreatie voor EXMAR door de strategie van EXMAR te bepalen, effectief, verantwoordelijk en ethisch leiderschap vast te leggen en toezicht te houden op de prestaties van EXMAR. Om deze duurzame waardecreatie effectief na te streven, ontwikkelt de RvB een inclusieve aanpak die een evenwicht vindt tussen de legitieme belangen en verwachtingen van de aandeelhouders en de andere stakeholders. De belangrijkste verantwoordelijkheden van de RvB omvatten het definiëren en herzien van de beleidslijnen en het risicoprofiel van de EXMAR Groep en ervoor zorgen dat de bedrijfscultuur verantwoordelijk en ethisch gedrag bevordert.

De RvB heeft de Audit- en Risicocommissie ingesteld, die de breedste onderzoeksbevoegdheden heeft met betrekking tot ESG.

De Audit- en Risicocommissie houdt toezicht op de naleving van het Corporate Governace Charter van het bedrijf (inclusief de Bedrijfsethiek- en Verhandelingscode) en de Compliance Manual.

Naast de Audit- en Risicocommissie speelt ExCo een sleutelrol in de processen, controles en procedures die worden gebruikt om toezicht te houden op IRO's, ze te beheren en overzien. Het ExCo is verantwoordelijk voor het dagelijks bestuur en het beleid van de Groep, de uitvoering van beslissingen die door de RvB zijn genomen en de specifieke taken die zijn gedelegeerd, waaronder het instellen van interne controles.

De CEO, voorzitter van de ExCo, draagt de uitvoerende verantwoordelijkheid voor het beheer van de bedrijfsactiviteiten van de EXMAR Groep. De RvB ondersteunt het ExCo bij de uitvoering van zijn taken en daagt het waar nodig constructief uit. Eenmaal per jaar beraadslaagt de RvB over de gedelegeerde taken van het Executief Comité en evalueert de doeltreffendheid ervan.

ESG-specifieke IRO's zijn toevertrouwd aan het hoofd ESG van het bedrijf, die rapporteert aan de CFO, lid van ExCo. Tijdens vergaderingen van ExCo en het Audit- en Risicocomité rapporteert het Hoofd ESG over deze IRO's. Er kunnen afzonderlijke vergaderingen met de CEO en CFO plaatsvinden om specifieke zaken meer in detail te bespreken.

Om een overzicht te houden van alle EXMAR-gerelateerde risico's, hebben we een Compliance Risk Universe ontwikkeld met alle risicothema's voor wet- en regelgeving en bedrijfsvereisten. De primaire risicothema's zijn:

  • Zakelijk gedrag
  • Mededinging / Antitrustwetten / Handelssancties
  • Belangenverstrengeling
  • Transacties met voorkennis
  • Anti-witwassen
  • Fraude met financiële verklaringen
  • Fraude en corruptie
  • Gezondheid en veiligheid
  • Bescherming van het milieu
  • Informatiebeheer / Beveiliging
  • Intellectueel eigendom
  • Verplichtingen van werknemers
  • Individuen
  • Privacy

Aan elk risicothema is een Key Risk Officer toegewezen, die de bevoegdheid en verantwoordelijkheid heeft om de bijbehorende risico's te beoordelen en zijn bevindingen te rapporteren aan de Audit- en Risicocommissie. Het hoofd van ESG houdt een uitgebreid overzicht van alle duurzaamheidsgerelateerde risico's en zorgt voor afstemming met de bredere risicobeheerstrategie van het bedrijf. Daarnaast komen de Key Risk Officers elk kwartaal samen met het hoofd ESG, de compliance manager en de compliance officer om nieuwe risico's binnen alle aangewezen thema's te beoordelen, bespreken en aan te pakken. De resultaten worden gerapporteerd aan de Audit- en Risicocommissie.

4.2.3 Benoemings- en beloningscommissie

Het Benoemings- en Remuneratiecomité van EXMAR ondersteunt de RvB door de verantwoordelijkheid op zich te nemen voor de benoemingsprocedures voor leden van de RvB en het Executief Comité. De taken van het comité omvatten het opstellen van objectieve selectiecriteria en het bepalen van het profiel (rolomschrijving, vaardigheden, ervaring en kennis) voor het lidmaatschap van de RvB en het ExCo, het voorstellen van de meest geschikte kandidaten en het doen van aanbevelingen met betrekking tot de benoeming of herbenoeming van bestuurders, in overeenstemming met de procedure van EXMAR.

De Audit- en Risicocommissie bestaat uit ten minste drie niet-uitvoerende bestuurders (waarvan ten minste één voldoet aan de onafhankelijkheidscriteria) en houdt toezicht op ESG-impacts, risico's en kansen. Om een duidelijke verantwoording en governance te waarborgen, zijn de verantwoordelijkheden voor deze IRO's opgenomen in de taakomschrijving van de commissie en de bestuursmandaten, inclusief een rol binnen de Audit- en Risicocommissie.

Benoemingen van leden van bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen die een vergelijkbare functie bekleedden in de openbare administratie gedurende de twee jaar voorafgaand aan deze benoeming, hebben niet plaatsgevonden bij EXMAR.

4.2.4 Bestuurservaring en -vaardigheden

De leden van de Raad van Bestuur en het Directiecomité beschikken over een brede expertise op het gebied van bedrijfsvoering (zie de website van EXMAR voor meer details). Gezien de rol van het Audit- en Risicocomité in de interne controle en risicobeoordeling, worden de leden van dit comité zorgvuldig gekozen en groeit hun expertise in ESG-aangelegenheden voortdurend.

Het Audit- en Risicocomité houdt toezicht op de jaarlijkse audit en consolidatie van de ESG-resultaten voor de EXMAR Groep, terwijl het Directiecomité verantwoordelijk is voor de voorbereiding en correcte publicatie van het jaarlijkse CSRD-verslag. Hun ESG-kennis en -expertise worden versterkt door de CFO en het ESG-hoofd van de onderneming. Om de hoogste rapporteringsnormen te garanderen, zorgt ExCo er in samenwerking met de HR-afdeling voor dat deze sleutelfuncties bemand worden met personen die over de nodige expertise beschikken om de ESG-strategie van EXMAR uit te stippelen of te implementeren.

Daarnaast is expertise op het gebied van duurzaamheid ingebed in andere lagen van het bedrijf, zoals de operationele teams en bemanningsleden aan boord van onze schepen. Deze gelaagde aanpak zorgt ervoor dat duurzaamheidsprincipes worden geïntegreerd in

3.4 Zakelijk gedrag

de besluitvorming op zowel strategisch als operationeel niveau. Samenwerken met alle interne stakeholders is een topprioriteit om een cultuur van voortdurend leren te handhaven en de expertise op het gebied van duurzaamheid in de hele organisatie te versterken. Door voortdurende samenwerking en initiatieven om kennis te delen, vergroten we ons collectieve vermogen om een zinvolle en blijvende impact te hebben op het milieu en de maatschappij. Dankzij deze gelaagde aanpak zijn de juiste duurzaamheidsvaardigheden aanwezig om materiële impacts, risico's en kansen te beheren.

EXMAR beschikt dan ook over een multidisciplinaire ESG-taskforce die bestaat uit leden van het senior management en operationele, technische en bedrijfsprofielen om het ESG-profiel van de onderneming te versterken en haar belangrijkste principes te handhaven. Dit overkoepelende team zorgt ervoor dat ESG-strategieën in de kern van de organisatie worden verankerd en stimuleert innovatie in alle operationele aspecten. Zij hebben de leiding bij het nemen van beslissingen over materiële effecten, de bijbehorende maatregelen en interne controles. Door zijn diversiteit maakt ESG niet alleen deel uit van de strategie van EXMAR, maar ook van de dagelijkse activiteiten en de inspanningen voor voortdurende verbetering.

Al deze mensen hebben gespecialiseerde expertise in de maritieme en energiesector, die beide unieke en complexe duurzaamheidsuitdagingen kennen. Hun diepgaande kennis stelt hen in staat om effectief te navigeren door industriespecifieke ESG-kwesties en ervoor te zorgen dat duurzaamheidsstrategieën zowel praktisch als impactvol zijn. Door gebruik te maken van hun uitgebreide ervaring stimuleren ze innovatie, naleving van regelgeving en veerkracht op de lange termijn in mondiaal ontwikkelend landschap.

Om het bovenstaande te formaliseren hebben we ESG-competenties opgenomen in functiebeschrijvingen voor cruciale functies. Dit wordt gedurende het jaar geëvalueerd om continue effectiviteit en afstemming op de doelstellingen van de organisatie te garanderen.

4.2.5 Informatiestroom naar topmanagement

Zoals hierboven aangetoond, onderhouden we een sterke betrokkenheid bij ons personeel en moedigen we iedereen actief aan om gebruik te maken van de vele beschikbare rapportagekanalen, zodat hun stem wordt gehoord. Onze werknemers zijn belangrijke stakeholders bij het beheer van ESG-initiatieven en geven regelmatig feedback aan het topmanagement.

Op basis van het ontvangen feedbackmateriaal worden IRO's besproken tijdens vergaderingen van de ExCo en/of het auditcomité. Als een meer gedetailleerde bespreking nodig is, wordt dit opgepakt door de betreffende verantwoordelijke persoon binnen de ExCo samen met de ESG-werkgroep.

Belangrijke transacties en het risicobeheerproces worden eerst besproken op het niveau van de ExCo en daarna op het niveau van de RvB. Tijdens deze besprekingen worden ESG-gerelateerde IRO's overwogen.

Afhankelijk van het prioriteitsniveau van het onderwerp kan informatie in één keer (bijvoorbeeld bij een ongeval) of dagelijks beschikbaar worden gesteld. Het uitvoerend comité vergadert wekelijks, maar is indien nodig ad hoc beschikbaar.

De Key Risk Officers spelen een cruciale rol bij het kanaliseren van de feedback over belangrijke IRO's, de uitvoering van due diligence en de resultaten en effectiviteit van beleid, maatregelen, meetstaven en doelen, zoals hierboven beschreven.

De RvB komt minstens vier keer per jaar bijeen en ontvangt input van de Audit- en Risicocommissie. Daarnaast kan de RvB ook worden bijeengeroepen op verzoek van ten minste drie bestuurders. Het werkelijke aantal vergaderingen wordt hieronder vermeld in de verklaring inzake Corporate Goverance.

4.3 BESCHERMING TEGEN CORRUPTIE EN OMKOPING

4.3.1 Beleid

Het antifraude- en anticorruptiebeleid van EXMAR is erop gericht beschuldigingen of incidenten van corruptie en omkoping te voorkomen, op te sporen en aan te pakken. Bovendien wordt de corruptiebestrijding aan wal ondersteund door meerdere voorzorgsmaatregelen om het risico te beperken en de mogelijke gevolgen te beperken:

  • Focus op naleving binnen ons kantoorpersoneel door
    • Uitrol van de compliancetraining
    • Strikte afdelingsorganisatie
    • Interne auditprocessen
  • Langetermijnverplichtingen met tegenpartijen en tegenpartijen van prima kwaliteit
  • Gestandaardiseerde inkoopstromen die 3-stap verificatie door meerdere medewerkers vereisen.
  • Standaard aanbestedingsprocedures met zorgvuldige evaluatie en uiteindelijke selectie van leveranciers voor aanzienlijke investeringen.
  • Charter Party-overeenkomsten met onze klanten inclusief relevante BIMCO-clausules en/ of op maat gemaakte anti-omkoping-, anticorruptie- en ethische clausules naast de reguliere sanctieclausules. BIMCO is een internationale organisatie voor scheepseigenaren, bevrachters, cargadoors en agenten, die haar leden praktische hulpmiddelen en deskundige kennis biedt om hen te helpen commercieel te navigeren naar een duurzame toekomst.

Hierdoor kan EXMAR havenbezoeken aan landen met een lage score op de International Corruption Perception Index vermijden.

Aan de andere kant hebben we het operationele risico op onze schepen. De kapitein en hoofdwerktuigkundige (de twee hoogste bemanningsleden aan boord) worden beschouwd als risicofuncties en krijgen de juiste training. Bovendien:

  • De schepen hebben een klassegoedgekeurd scheepsbeveiligingsplan (SVP), in overeenstemming met de internationale code voor de beveiliging van schepen en havenfaciliteiten (ISPS), waarin alle procedures staan beschreven om de veiligheid van het schip, de bemanning en de lading te waarborgen. Er is een speciale beveiligingsbeambte aan boord van de schepen. Aan wal kan de bemanning altijd contact opnemen met de Company Security Officer (CSO). De procedures richten zich op verschillende pijlers:
    • Preventie
    • Opsporing
    • Reactie
    • Herstel
    • Naleving
  • In het kader van ons engagement tegen omkoperij en smeergeld maakt EXMAR deel uit van het Maritime Anti-Corruption Network (MACN). Het doel van het lidmaatschap van het bedrijf bij het MACN is om onze bemanning de middelen te geven om omkoping en smeergeld te bestrijden. De bedrijfsprocedure geeft duidelijke richtlijnen over anti-omkoopprocedures voor schepen in bepaalde geografische gebieden.

Dit anti-corruptie- of anti-omkopingsbeleid voldoet volledig aan alle wetten en regelgevende vereisten en toepasselijke codes waar EXMAR actief is, met inbegrip van de bepalingen van het VN-Verdrag tegen corruptie.

Ze worden meegedeeld bij de indiensttreding bij EXMAR en via nalevingsopleidingen. Updates worden meegedeeld door de Compliance Officer van de EXMAR Groep.

4.3.2 Training voor risicofuncties

De functies die het meest kwetsbaar zijn voor corruptie en omkoping zijn verspreid over verschillende afdelingen en locaties binnen de Groep.

Zowel de RvB als de ExCo zijn kwetsbaar voor corruptie en omkoping, waardoor nieuwe leden het beleid moeten ontvangen en de training moeten volgen. Aan boord van onze schepen lopen kapiteins en hoofdwerktuigkundigen het grootste risico, omdat zij een centrale rol spelen in de interactie met entiteiten aan wal.

Compliance training is verplicht voor al het kantoorpersoneel. Het programma werd voor het eerst geïmplementeerd op ons hoofdkantoor en wordt nu geleidelijk uitgerold naar alle dochterondernemingen.

Het bestaat uit een meerkeuzetoets via een e-learningtool waarin een reeks vragen wordt gepresenteerd die bepaalde zakelijke gedragssituaties beschrijven (waaronder potentiële corruptie-/ omkoopsituaties) waarin men zich zou kunnen bevinden, met de vraag hoe hiermee om te gaan. Er moet een minimumscore worden behaald. De training moet om de vijf jaar worden herhaald.

Voor de scheepspersoneelsleden en het betrokken kantoorpersoneel wordt de training georganiseerd door MACN. Tijdens deze training worden strategieën besproken om corruptie en faciliterende betalingen aan te pakken. Bemanningsleden delen hun ervaringen, terwijl MACN praktische hulpmiddelen aanreikt om deze uitdagingen effectief aan te pakken: 'Stand your ground, Be a leader'.

Op dit moment heeft 62,91% van de risicofuncties deze training ontvangen.

4.3.3 Corruptie en omkoping Rapportage

Het proces voor het melden en onderzoeken van mogelijke corruptie of omkoping is afgestemd op het nalevingsmodel en het antifraude- en anticorruptiebeleid van het bedrijf, waarbij een duidelijk onderscheid wordt gemaakt tussen melding, onderzoek, preventie en detectie. Het onderzoek wordt gescheiden gehouden van de managementketen die betrokken is bij de preventie en detectie van corruptie of omkoping. Risicofunctionarissen op sleutelposities presenteren hun bevindingen aan het Audit- en Risicocomité, dat op zijn beurt rapporteert aan de RvB.

In 2024 hadden we 0 veroordelingen voor overtreding van anticorruptie- en antiomkopingswetten, wat resulteerde in geen boetes of straffen.

4.4 POLITIEKE INVLOED EN LOBBYACTIVITEITEN

Om een robuust toezicht op politieke beïnvloeding en lobbyactiviteiten te garanderen, houden we ons aan het hierboven beschreven raamwerk voor compliancerisico's. Deze aanpak stelt ons in staat om potentiële risico's systematisch te beoordelen en te beheren, terwijl we transparantie en verantwoording behouden en de Audit- en Riskcommissie te allen tijde op de hoogte houden. We maken een duidelijk onderscheid tussen directe politieke beïnvloeding en lobbyactiviteiten via brancheorganisaties, waarbij we ervoor zorgen dat alle betrokkenheid in overeenstemming is met ethische normen en wettelijke vereisten.

EXMAR heeft geen financiële steun, schenkingen in natura of enige vorm van rechtstreekse of onrechtstreekse bijdragen verleend aan politieke partijen, kandidaten of aanverwante organisaties. De totale monetaire waarde van dergelijke bijdragen is nul.

3.4 Zakelijk gedrag

EXMAR is lid van verschillende economische of sectorale groepen, die in de breedste zin van het woord onder lobbying kunnen worden geplaatst. Omdat EXMAR enkel lid is, maar niet actief deelneemt aan externe interacties, kan het de belangrijkste thema's en standpunten niet bekendmaken.

EXMAR is bijvoorbeeld lid van de Belgische Investor Relations Association VZW, Intertanko, Ammonia Energy Association, BIMCO, Voka, SIGGTO, Singapore Shipping Association en de Royal Belgian Shipowner's Association (RBSA). Zo verdedigt de RBSA de belangen van de Belgische reders en speelt ze een dynamische rol in de promotie van de sector als aantrekkelijke werkgever en geeft ze haar leden operationele ondersteuning en verduidelijking inzake fiscale, sociale, milieu- en maritieme wetgeving. Hiertoe werkt de RBSA nauw samen met alle relevante nationale en internationale partijen en verdedigt ze de belangen van scheepseigenaars zoals EXMAR met betrekking tot bijvoorbeeld de EU-regelgeving inzake de handel in emissierechten of het koolstofvrij maken van het maritiem transport. De RBSA is geregistreerd in het transparantieregister van de EU (REG-nummer: 085057391751-17), EXMAR zelf niet.

4.5 DUURZAAMHEIDSGERE-LATEERDE PRESTATIES IN STIMULERINGSREGELINGEN

Het bezoldigingsbeleid van EXMAR is van toepassing op de bezoldiging van de leden van de RvB, de uitvoerende managers en de werknemers. De doelstelling van het bezoldigingsbeleid is het aantrekken, motiveren, belonen en behouden van de gekwalificeerde professionals die nodig zijn om de operationele en

strategische doelstellingen van de Vennootschap te bereiken en duurzame waardecreatie op lange termijn te bevorderen.

Momenteel is er een veiligheids-KPI opgenomen in het beloningsbeleid van de RvB en het ExCo (beschikbaar op de website van EXMAR). Deze is echter nog niet afgestemd op de gegevens zoals gerapporteerd volgens CSRD, dus in het algemeen zijn er geen duurzaamheidsgerelateerde KPI's opgenomen. Dit zal in 2025 worden heroverwogen. Op dit moment zijn er geen klimaatgerelateerde KPI's opgenomen in het beloningsbeleid van onze Raad van Bestuur of ExCo, maar ook dit zal in 2025 worden heroverwogen. Op dat moment zullen we de redenering van de gekozen klimaatgerelateerde overwegingen duidelijk uitleggen.

In het algemeen zullen de geselecteerde ESG-KPI's die in de beloning kunnen worden opgenomen, gebaseerd zijn op de gegevensverzameling van 2024 en zal er een driemaandelijkse follow-up plaatsvinden. De voorwaarden van deze mogelijke ESG-incentive zullen worden voorgesteld aan het Benoemingsen Remuneratiecomité en uiteindelijk worden goedgekeurd door de Raad van Bestuur.

Tot slot zijn er nog geen interne ESG-gerelateerde stimuleringsregelingen geïmplementeerd.

EXMAR heeft een externe stimuleringsregeling in de vorm van een duurzaamheidslening voor de financiering van de JV-schepen. Als de KPI's worden gehaald, resulteert dit in een lagere rentemarge. Worden ze niet gehaald, dan resulteert dit in een hogere rentemarge.

5.1 TAXONOMIE SJABLONEN

5.1.1 Nucleaire en fossiele gasgerelateerde activiteiten

Rij Activiteiten in verband met kernenergie
1. De onderneming voert onderzoek, ontwikkeling, demonstratie en inzet van
innovatieve elektriciteitsopwekkingsfaciliteiten uit, financiert deze of heeft
blootstelling aan onderzoek, ontwikkeling, demonstratie en inzet van innovatieve
elektriciteitsopwekkingsfaciliteiten die energie opwekken uit nucleaire processen met
minimaal afval van de splijtstofcyclus.
GEEN
2. De onderneming voert nieuwe nucleaire installaties uit voor de productie van
elektriciteit of proceswarmte, inclusief stadsverwarming of industriële processen
zoals waterstofproductie, financiert deze of heeft blootstelling aan de bouw en veilige
exploitatie ervan, evenals de verbetering van de veiligheid ervan, met gebruik van de best
beschikbare technologieën.
GEEN
3. De onderneming voert bestaande nucleaire installaties uit die elektriciteit of
proceswarmte produceren, inclusief ten behoeve van stadsverwarming of industriële
processen zoals de productie van waterstof uit kernenergie, of financiert deze, of
is blootgesteld aan de veilige exploitatie van dergelijke installaties, alsook aan de
verbetering van de veiligheid ervan.
GEEN
Aan fossiel gas gerelateerde activiteiten
4. De onderneming is actief in, financiert of is blootgesteld aan de bouw of exploitatie
van elektriciteitscentrales die elektriciteit opwekken met behulp van fossiele gasvormige
brandstoffen.
GEEN
5. De onderneming voert installaties voor warmtekrachtkoppeling en
elektriciteitsopwekking met fossiele gasvormige brandstoffen uit, financiert deze of
heeft blootstelling aan de bouw, renovatie en exploitatie ervan.
GEEN
6. De onderneming voert warmteopwekkingsinstallaties uit die warmte/koeling
produceren met behulp van fossiele gasvormige brandstoffen, financiert deze of
heeft blootstelling aan de bouw, renovatie en exploitatie ervan.
GEEN

5.1.2 Aandeel van de omzet uit producten of diensten die verband houden met op de taxonomie afgestemde economische activiteiten - bekendmaking voor het jaar 2024

Boekjaar 2024 2024 Criteria inzake substantiële bijdrage GEAD-criteria (geen ernstige afbreuk doen aan) (h)
Economische activiteiten (1) Code (a) (2) Omzet (3) )
zet, jaar N (4
Aandeel om
gatie (5)
Klimaatmiti
tatie (6)
Klimaatadap
nen (7)
ariene bron
Water en m
ing (8)
Verontreinig
onomie (9)
Circulaire ec
emen(10)
t en ecosyst
Biodiversitei
gatie (11)
Klimaatmiti
tatie (12)
Klimaatadap
nen (13)
ariene bron
Water en m
ing (14)
Verontreinig
emen(16)
t en ecosyst
Biodiversitei
onomie (15)
Circulaire ec
aanmerking
stemde (A.1.)
of ervoor in
ie afge
op taxonom
Aandeel van
-
ranties (17)
Minimumga
(19)
ctiviteit)
Categorie (fa
ciliterende a
2023 (18)
2.) OpEx, jaar
komende (A.
0)
activiteit) (2
Categorie (tr
steunende
ansitieonder
Tekst USD % niak
(b) (c)
J; N;
niak
J; N;
(b) (c)
niak
(b) (c)
J; N;
niak
J; N;
(b) (c)
niak
J; N;
(b) (c)
niak
J; N;
(b) (c)
J/N J/N J/N J/N J/N
J/N
%
J/N
F T
A. VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN
A.1 Ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd)
NVT NVT 0 0 N N N N N N N N N N N
N
0%
N
NVT NVT
Omzet ecologisch duurzame activiteiten
(op taxonomie afgestemd) (A.1)
0 0% 0% 0% 0% 0% 0% 0% N N N N N
N
0%
N
Waarvan faciliterend 0 % % % % % % % N N N N N
N
0%
N
NVT
Waarvan transitieondersteunend 0 % N N N N N
N
0%
N
NVT
A.2 Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (g)
niak (f)
iak;
niak (f)
iak;
niak (f)
iak;
niak (f)
iak;
niak (f)
iak;
niak (f)
iak;
schepen voor havenwerkzaamheden en
Zee- en kustvrachtvervoer over water,
ondersteunende activiteiten
6,10 151,46 43% iak niak niak niak niak niak 15%
taxonomie afgestemde activiteiten) (A.2)
aanmerking komende, maar ecologisch
niet duurzame activiteiten (niet op
Omzet van voor de taxonomie in
151,46 43% 43% 0% 0% 0% 0% 0% 15%
merking komende activiteiten (A.1 + A.2)
A. Omzet van voor de taxonomie in aan
151,46 43% 43% 0% 0% 0% 0% 0% 15%
B. NIET VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING
KOMENDE ACTIVITEITEN
Omzet van niet voor de taxonomie in
aanmerking komende activiteiten (B)
197,452 57%

Totaal (A + B)

348,911

100%

mische activiteiten
met econo
Aandeel van kapitaaluitgaven voor producten of diensten die verband houden
making voor het jaar 2024
mie - openbaar
md op de taxono
die zijn afgeste
5.1.3
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Economische activiteiten (1)
Boekjaar 2024
2024
CapEx (3)
Code (a) (2)
4 (4)
pEx, jaar 202
Aandeel Ca
gatie (5)
Klimaatmiti
Criteria inzake substantiële bijdrage
tatie (6)
Klimaatadap
nen (7)
ariene bron
Water en m
ing (8)
Verontreinig
onomie (9)
Circulaire ec
emen(10)
t en ecosyst
Biodiversitei
gatie (11)
Klimaatmiti
tatie (12)
Klimaatadap
nen (13)
ariene bron
Water en m
GEAD-criteria (geen ernstige afbreuk doen aan) (h)
ing (14)
Verontreinig
emen(16)
t en ecosyst
Biodiversitei
onomie (15)
Circulaire ec
ranties (17)
Minimumga
aanmerking
stemde (A.1.)
of ervoor in
ie afge
op taxonom
Aandeel van
-
(19)
ctiviteit)
Categorie (fa
ciliterende a
2.) OpEx, jaar
2023 (18)
komende (A.
0)
activiteit) (2
Categorie (tr
steunende
ansitieonder
Tekst USD % niak
J; N;
(b) (c)
niak
(b) (c)
J; N;
niak
J; N;
(b) (c)
niak
(b) (c)
J; N;
niak
J; N;
(b) (c)
niak
(b) (c)
J; N;
J/N J/N J/N J/N J/N
J/N
J/N % F T
A. VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN
A.1 Ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd)
NVT 0
NVT
0% N N N N N N N N N N N
N
N 0% NVT NVT
CapEx ecologisch duurzame activiteiten
(op taxonomie afgestemd) (A.1)
0 0% 0% 0% 0% 0% 0% 0% N N N N N
N
N 0%
Waarvan faciliterend 0 0% 0% 0% 0% 0% 0% 0% N N N N N
N
N 0% NVT
Waarvan transitieondersteunend 0 0% N N N N N
N
N 0% NVT
A.2 Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (g)
niak (f)
iak;
niak (f)
iak;
niak (f)
iak;
niak (f)
iak;
niak (f)
iak;
niak (f)
iak;
schepen voor havenwerkzaamheden en
Zee- en kustvrachtvervoer over water,
ondersteunende activiteiten
6,638
6,10
57% iak niak niak niak niak niak 27%
duurzame activiteiten (niet op taxonomie
merking komende, maar ecologisch niet
Omzet van voor de taxonomie in aan
afgestemde activiteiten) (A.2)
6,638 57% 57% 0% 0% 0% 0% 0% 27%
merking komende activiteiten (A.1 + A.2)
A. Omzet van voor de taxonomie in aan
6,638 57% 57% 0% 0% 0% 0% 0% 27%
B. NIET VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING
KOMENDE ACTIVITEITEN
aanmerking komende activiteiten (B)
CapEx van niet voor de taxonomie in
4,943 43%
Totaal (A + B) 11,581 100%

3.5 Bij lage

mde
mie afgeste
met op de taxono
OpEx uit producten of diensten die verband houden
Aandeel van
making voor het jaar 2024
mische activiteiten - openbaar
econo
5.1.4
Boekjaar 2024 2024 Criteria inzake substantiële bijdrage GEAD-criteria (geen ernstige afbreuk doen aan) (h)
Economische activiteiten (1) Code (a) (2) OpEx (3) x, jaar N (4)
Aandeel OpE
atie (5)
Klimaatmitig
atie (6)
Klimaatadapt
n (7)
riene bronne
Water en ma
ng (8)
Verontreinigi
nomie (9)
Circulaire eco
en(10)
en ecosystem
Biodiversiteit
atie (11)
Klimaatmitig
atie (12)
Klimaatadapt
n (13)
riene bronne
Water en ma
ng (14)
Verontreinigi
nomie (15)
Circulaire eco
en(16)
en ecosystem
Biodiversiteit
anties (17)
Minimumgar
023 (18)
.) OpEx, jaar 2
komende (A.2
nmerking
stemde (A.1.)
of ervoor in aa
afge
op taxonomie
Aandeel van
-
tiviteit) (19)
Categorie (fa
ciliterende ac
activiteit) (20)
Categorie (tra
eunende
nsitieonderst
Tekst USD % niak
J; N;
(b) (c)
niak
J; N;
(b) (c)
niak
J; N;
(b) (c)
niak
J; N;
(b) (c)
niak
J; N;
(b) (c)
niak
J; N;
(b) (c)
J/N J/N J/N J/N J/N J/N J/N % F T
A. VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN
A.1 Ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd)
NVT NVT 0 0% N N N N N N N N N N N N N 0% NVT NVT
OpEx ecologisch duurzame activiteiten
(op taxonomie afgestemd) (A.1)
0 0% 0% 0% 0% 0% 0% 0% N N N N N N N 0%
Waarvan faciliterend 0 0% 0% 0% 0% 0% 0% 0% N N N N N N N 0% NVT
Waarvan transitieondersteunend 0 0% N N N N N N N 0% NVT
A.2 Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (g)
niak (f)
iak;
niak (f)
iak;
niak (f)
iak;
niak (f)
iak;
niak (f)
iak;
niak (f)
iak;
Transport per motorfietsen, personenauto's
en lichte bedrijfsvoertuigen
6,05 0,084 0,07% iak niak niak niak niak niak 0%
Zee- en kustvrachtvervoer over water, schepen
voor havenwerkzaamheden en ondersteunen
de activiteiten
6,10 34,612 29,30% iak niak niak niak niak niak 11%
duurzame activiteiten (niet op taxonomie
merking komende, maar ecologisch niet
Omzet van voor de taxonomie in aan
afgestemde activiteiten) (A.2)
34,696 29,37% 29% 0% 0% 0% 0% 0% 11%
merking komende activiteiten (A.1 + A.2)
A. Omzet van voor de taxonomie in aan
34,696 29,37% 29% 0% 0% 0% 0% 0% 11%
B. NIET VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING
KOMENDE ACTIVITEITEN
OpEx van niet voor de taxonomie in 83,433 70,63%

113

Totaal (A + B)

aanmerking komende activiteiten (B)

118,129

100%

5.2 ESRS INDEX RAPPORTAGE-EISEN (DR) EN DATAPUNTEN (DP)

In de onderstaande tabellen wordt aangegeven waar gegevenspunten in ons verslag te vinden zijn en of ze als 'Niet materieel' zijn beoordeeld. Er worden ook gegevenspunten weergegeven die zijn afgeleid van andere EU-wetgeving zoals vermeld in ESRS 2 Appendix B.

5.2.1 ESRS 2 - Algemene toelichtingen

Openbaar
making
Paragraaf Locatie in rapport Pagina SFRD Pilar 3 Benchmark
regelgeving
EU
klimaat
wetgeving
BP1
BP2
GOV1
GOV2
GOV3
GOV4
3, 4, 5a,b(i-ii),
5d,e
1.2.1 Algemene toelichtingen 51
5c 1.2.4 Waardeketen 53
6, 7, 8, 16,
AR2
1.2.1 Algemene toelichtingen 51
9a, 9b 1.3.1.4 Scoringsproces 58
10a,b,c,d,
11a,b(i-ii),
13a,b,c,
14a,b,c
1.4.2 EXMAR gegevensverzameling 68
12 Niet van toepassing N.V.T.
15 1.2.2 Regelgevend kader 51
17 Niet van toepassing // Geleidelijke
invoering niet gebruikt
N.V.T.
18 4 Zakelijk gedrag 102
19, 20 4.2 Rol van onze Raad van Bestuur
in de ESG-strategie
105
21a, 21d,e 4.2.1 Diversiteit topmanagement 105
(21d, 21e)

(21d, 21e)
21b 4.2.5 Informatiestroom naar
topmanagement
107
21c, 22c iii,
23, 23a,b
4.2.4 Bestuurservaring en
-vaardigheden
106
22a, 22c (i-ii) 4.2.2 Verantwoordelijkheid
topmanagement
105
22b 4.2.3 Benoemings- en
beloningscommissie
106
22d 4.1.3.3 Doelen voor zakelijk gedrag 104
24, 25,
26a,b,c
4.2.5 Informatiestroom naar
topmanagement
107
27, 28,
29a,b,c,d,e
4.5 Duurzaamheidsgerelateerde
prestaties in stimuleringsregelingen
109
30, 31, 32, 33 1.5.2 Due diligence 73
(30)
Openbaar
making
Paragraaf Locatie in rapport Pagina SFRD Pilar 3 Benchmark
regelgeving
EU
klimaat
wetgeving
34, 35,
36a,b,c,d,e
1.4.1 Risicobeoordeling rapporteren 67
GOV5 37a 1.2.4 Waardeketen 53
37b 1.2.5.4 Resultaat betrokkenheid 56
37c 1.3.1.2 Identificatieproces 54
38, 39, 42c 1.2.4 Waardeketen 53
40a (i-ii) 1.2.3 EXMAR Zakelijke relaties 52
40a iii 3.1.2 Eigen personeel 90
SBM1 40a iv,
40b,c,d
1.2.3.2 Belangrijke ESRS-sectoren 52
(40di
-ii -iii)

(40di)

(40di
-ii -iii -iv)
40e,f,g 1.5 Duurzaamheidsstrategie
en -doelen
70
41 1.2.3 EXMAR Zakelijke relaties 52
42a 1.2.3.3 Belangrijkste input 53
42b 1.2.5.2 Voordelen 55
43, 44 1.2.5 Stakeholders 54
SBM2 45a (i-ii) 1.2.5.1 Identificatie 54
45a (iii-v),
45b,c,d
1.2.5.3 Engagementproces 56
46, 47, 50 1.3.1 Dubbel materialiteitsproces 56
SBM3 48a,b,c(i
iv),d, 48f,g
1.3.2 Materiële impacts, risico's
en kansen (IRO's)
61
48h, 49 Niet van toepassing N.V.T.
51, 52 1.3.1 Dubbel materialiteitsproces 56
53b i 1.3.1.1 Verhoogd risico van
wereldwijde activiteiten
56
IRO1 53a, 53b, 53b
iii, 53c i, 53d,
53g
1.3.1.2 Identificatieproces 57
53e,f 1.3.1.3 Intern besluitvormingsproces
over materiële onderwerpen
58
53b iv, 53c,
53c (ii-iii),
53h
1.3.1.4 Scoringsproces 58
Openbaar
making
Paragraaf Locatie in rapport Pagina SFRD Pilar 3 Benchmark
regelgeving
EU
klimaat
wetgeving
54 5.3 ESRS Index Rapportage-eisen (DR)
en datapunten (DP)
114
IRO2 55, 58 1.3.2.4 Uitleg voor niet-materiële
onderwerpen
65
56 1.2.1 Algemene toelichtingen 51
59 1.3.1.4 Scoringsproces 58
1.2.1 Algemene toelichtingen 51
60, 61, 62, 63, 2.3.1 Klimaatbeleid 77
MDR-P 64, 65 3.2 Beleid met betrekking tot
eigen personeel
92
4.1.2 Beleid inzake zakelijk gedrag 100
2.4.2 Actieplan Klimaatmitigatie 80
MDR-A 66, 67, 68,
69, 70, 71, 72
3.3.1 Eigen personeel Actieplan 97
4.1.3 Maatregelen bedrijfsgedrag 103
73, 74, 75, 2.5.1 Berekeningsmethode voor
broeikasgasemissies
84
MDR-M 76, 77 3.1.2 Eigen personeel 90
4 Zakelijk gedrag 102
2.4.3 Doelen voor broeikasgassen 84
MDR-T 78, 79, 80, 81 3.3.1.4 Sociale doelen 100
4.1.3.3 Doelen voor zakelijk gedrag 104

5.2.2 Milieu

Openbaar
making
Paragraaf Locatie in rapport Pagina SFRD Pilar 3 Benchmark
regelgeving
EU
klimaat
wetgeving
1a, 1e 1.3.2.3 E1 - Klimaatverandering 62
1b,c, 15, 16a,
16g
2.3.3 Afstemming op de
Overeenkomst van Parijs
79
(16g)

(16g)
1d, 1f 2.4.2 Actieplan Klimaatverandering 81
2 5.3 ESRS Index Rapportage-eisen (DR)
en datapunten (DP)
114
E1-1 3, 4, 5, 6, 7, 8,
10, 11
2 Milieu 74
9 3.3.1.1 Sociale maatregelen 97
14, 16h,i,j,
AR4
2.3.2 EXMAR transitieplan 77
16b 2.4.1 Hefbomen voor decarbonisatie 80
16c, 16e,f 2.4.2.2 Financiële middelen
Klimaatmitigatie Actieplan
82
16d 2.4.3.2 Locked-in emissies 84
17 Niet van toepassing N.V.T.
E1-2 22, 23, 24, 25 2.3.1 Klimaatbeleid 77
26, 27, 28,
29a,b, AR21
2.4.2.1 broeikasgasmaatregelen 81
E1-3 29c (i-iii) 2.4.2.2 Financiële middelen
Klimaatmitigatie Actieplan
82
30, 31 2.4.3 Doelen voor broeikasgassen 84
32 2.3.1 Klimaatbeleid 77
E1-4 33,
34a,b,c,d,e,
AR30c
2.4.3.3 CO2
reductiedoelen
84
(34)

(34)

(34)
34f 2.4.1 Hefbomen voor decarbonisatie 84
AR25a,
AR25b
2.4.3.1 Basislijn 83
35, 36 2.6 Energieverbruik en -mix 88
E1-5 37, 38, 39,
AR32, AR33,
AR34
2.6.2 Energieverbruik eigen bedrijf
per brandstofbron
89
(37, 38)
40, 41, AR36,
AR37
2.6.3 Energie-intensiteit
van het eigen bedrijf
89
(40, 41)
42, 43,
AR38b
2.6.1 Activiteit van EXMAR in sectoren
met een grote impact op het klimaat
88
(42, 43)
Openbaar
making
Paragraaf Locatie in rapport Pagina SFRD Pilar 3 Benchmark
regelgeving
EU
klimaat
wetgeving
44, 45, 46,
47, 48, 49,
50, 51, 52,
AR43, AR44,
AR45a,b,c
AR45f,
AR46a,-
b,c,d,e,f
2.5.2 Werkelijke broeikasgasemissies 87
(44)

(44)

(44)
E1-6 AR46,j,k,
AR47a,b,
AR48
53, 54, 55,
AR53, AR54,
AR55
2.5.3 BKG-intensiteit 88
(53, 54,
55)

(53, 54,
55)

(53, 54,
55)
AR39b,
AR46g,h
2.5.1.2 Methodologie en aannames 85
AR42c,
AR45d,e
2.4.3.3 CO2
reductiedoelen
84
AR46i 2.5.1.1 Overzicht van scope 3
categorieën in de BKG-berekening
84
56 2.4.3.3 CO2
reductiedoelen
84
E1-7 57-61 Niet van toepassing N.V.T.
62 2.4.3.3 CO2
reductiedoelen
84
E1-8 63 Niet van toepassing N.V.T.
E1-9 64, 65, 66,
67, 68, 69, 70
Niet van toepassing // Gebruikte
infaseringsbepalingen
N.V.T.
(66a,
66c,
67c)

(66, 69)
ESRS2-E1 12 1.2 Reikwijdte 51
GOV3-E1 13 4.5 Duurzaamheidsgerelateerde
prestaties in stimuleringsregelingen
109
SMB3-E1 18, 19a,b,c,
AR7a,b,c,
AR8a,b
2.2 Veerkrachtanalyse 76
IRO1-E1 20a,b,c, 21,
AR9, AR11a,-
b,c,d
AR12a,b,c,d,
AR13a,b,c,d
AR15
1.3.2.3 E1 - Klimaatverandering 62
E2 IRO1 1.3.2.6 Uitleg voor niet-materiële
onderwerpen
65
Alle andere Niet materieel N.V.T.
Openbaar
making
Paragraaf Locatie in rapport Pagina SFRD Pilar 3 Benchmark
regelgeving
EU
klimaat
wetgeving
E3 IRO1 1.3.2.6 Uitleg voor niet-materiële
onderwerpen
65
Alle andere Niet materieel N.V.T.
E4 IRO1 1.3.2.6 Uitleg voor niet-materiële
onderwerpen
65
Alle andere Niet materieel N.V.T.
E5 IRO1 1.3.2.6 Uitleg voor niet-materiële
onderwerpen
65
Alle andere Niet materieel N.V.T.

5.2.3 Sociaal

Openbaar
making
Paragraaf Locatie in rapport Pagina SFRD Pilar 3 Benchmark
regelgeving
EU
klimaat
wetgeving
1a, 1c, 2, 3 1.3.2.4 S1 - Eigen personeel 63
1b 3.3.1.1 Sociale maatregelen 97
1d 3.3.1.2 Financiële middelen
Sociaal actieplan
99
4, 5, 6 3.1.2.1 Beschrijving 90
S1-1 7, 17, 18, 22,
23, 24a,b
3.2 Beleid met betrekking
tot eigen personeel
92
(22, 23)
19, 21 3.2.1 Principes 92
(21)
20, 20a, 20c 3.2.2 Mensenrechten
inclusief arbeidsrechten
93
(20)
20b, 24c,d 3.2.3 Betrokkenheid van
werknemers en inclusie
94
AR10, AR14 Niet van toepassing N.V.T.
25, 26 1.3.2.2 S1 - Eigen personeel 63
27a,b,c, 27e,
28
3.2.3 Betrokkenheid van werknemers
en inclusie
94
27d 3.2.2 Mensenrechten inclusief
arbeidsrechten
93
S1-2 29, AR25b,c,
AR25e,
AR26
Niet van toepassing N.V.T.
30, 31,
32a,b,c,d,e,
33, AR30
3.2.4 Klachtenbeleid 96
(32c)
34 Niet van toepassing N.V.T.
35, 36, 37,
38a, 38c,
40b, 43
3.3.1.1 Sociale maatregelen 97
38b, 38d, 39,
40a, 41
3.3.1.3 Evaluatie van sociale risico's 99
S1-4 42 3.3.1.4 Sociale doelen 100
AR33a,-
b,c,d, AR35,
AR40a,b,
AR43, AR48
Niet van toepassing N.V.T.
S1-5 44, 45, 46,
47a,b,c
3.3.1.4 Sociale doelen 100
Openbaar
making
Paragraaf Locatie in rapport Pagina SFRD Pilar 3 Benchmark
regelgeving
EU
klimaat
wetgeving
48 3.1.2.1 Beschrijving 90
49 1.3.2.4 S1 - Eigen personeel 63
S1-6 50a, 50c,
50d (i-ii),
AR55 T1,
3.1.2 Eigen personeel 90
AR55 T2,
AR55 T3,
AR58
50b, 51, 52 Niet van toepassing N.V.T.
50e 3.1.2.3 Soorten contracten 91
50f 3.3.1.2 Financiële middelen Sociaal
actieplan
99
S1-7 53, 54, 55,
56, 57
Niet van toepassing // Gebruikte
infaseringsbepalingen
N.V.T.
58, 59, 60, 63 3.3.3 Collectieve onderhandelingen 101
S1-8 61, 62 Niet van toepassing N.V.T.
S1-9 64, 65, 66 3.1.2 Eigen personeel 90
64, 65, 66
AR71
4.2.1 Diversiteit topmanagement 105
S1-10 67-71 Niet materieel N.V.T.
S1-11 72-76 Niet materieel // Geleidelijke
invoering
N.V.T.
S1-12 77-80 Niet materieel // Geleidelijke
invoering
N.V.T.
81 3.2.3 Betrokkenheid van werknemers
en inclusie
92
S1-13 82 3.3.1.1 Sociale maatregelen 97
83, 84, 85 Geleidelijke invoering N.V.T.
S1-14 86, 87,
88a,b,c,d,e
3.3.2 Systeem voor gezondheid,
veiligheid, milieu en kwaliteit
100
(88b,
88c,
88e)

(88b, 88c)
89, 90 Niet van toepassing N.V.T.
AR81 3.3.2 Systeem voor gezondheid,
veiligheid, milieu en kwaliteit
100
S1-15 92-94 Niet materieel // Geleidelijke
invoering
N.V.T.
S1-16 95-99 Niet materieel N.V.T.
Openbaar
making
Paragraaf Locatie in rapport Pagina SFRD Pilar 3 Benchmark
regelgeving
EU
klimaat
wetgeving
S1-17 100, 101, 102,
AR103
3.2.2 Mensenrechten inclusief
arbeidsrechten
93
103a,b,c,d,
104a,b
3.2.2.2 Rapportering 94
(103a,
104a)
12 1.2.5.1 Identificatie 54
SBM2-S1 13, 14, 15, 16 1.3.2.4 S1 - Eigen personeel 63
AR4 1.2.5.3 Engagementproces 56
14a 3.1.1 We waarderen je energie 90
SBM3-S1 14b,c,d,e,
14f (i-ii), 14g
(i-ii), 15, 16
1.3.2.4 S1 - Eigen personeel 63
(14f, 14g)
S2 IRO1 1.3.2.6 Uitleg voor niet-materiële
onderwerpen
65
Alle andere Niet materieel N.V.T.
S3 IRO1 1.3.2.6 Uitleg voor niet-materiële
onderwerpen
65
Alle andere Niet materieel N.V.T.
S4 IRO1 1.3.2.6 Uitleg voor niet-materiële
onderwerpen
65
Alle andere Niet materieel N.V.T.

5.2.4 Zakelijk gedrag

Openbaar
making
Paragraaf Locatie in rapport Pagina SFRD Pilar 3 Benchmark
regelgeving
EU
klimaat
wetgeving
1, 2, 4 4.1.2 Beleid inzake zakelijk gedrag 102
3 4.1.3.3 Doelen voor zakelijk gedrag 104
7, 10a, 10g 4.1.2.1 Ethische cultuur 102
8 1.3.2.5 G1 - Zakelijk gedrag 65
9 4.1.1 EXMAR Waarden 102
G1-1 10b 4.3.1 Beleid 107
(10b)
10c,d, 11 4.1.2.2 Bescherming van
klokkenluiders
103
(10d)
10e 4.3.3 Corruptie en omkoping
Rapportage
108
10f Niet materieel N.V.T.
10h 4.3.2 Training voor risicofuncties 108
G1-2 12-15 Niet materieel N.V.T.
16, 17 4.3 Bescherming tegen corruptie
en omkoping
107
18a, 20 4.3.1 Beleid 107
G1-3 18b,c 4.3.3 Corruptie en omkoping
Rapportage
108
21a,b,c 4.3.2 Training voor risicofuncties 108
19, AR7 Niet van toepassing N.V.T.
G1-4 22, 23, 24, 25 4.3.3 Corruptie en omkoping
Rapportage
108
(24a,
24b)

(24a)
26 Niet van toepassing N.V.T.
G1-5 27, 28,
29a,b,c,d
4.4 Politieke invloed en
lobbyactiviteiten
108
30 4.2.3 Benoemings- en
beloningscommissie
106
G1-6 31-33 Niet materieel N.V.T.
5a 4.2.2 Verantwoordelijkheid
topmanagement
105
GOV1-G1 5b 4.2.4 Bestuurservaring en
-vaardigheden
106
IRO1-G1 6 1.3.2.5 G1 - Zakelijk gedrag 65

  • 4.2 Interne controle- en risicobeheersystemen - beoordeling 138
  • 4.3 Remuneratieverslag 148

4.1 Corporate governance verklaring

Corporate governance heeft als doel verschillende regels en gedragingen te definiëren volgens dewelke bedrijven naar behoren worden bestuurd en gecontroleerd, met als doel de transparantie te vergroten. Het is een systeem van "checks and balances" tussen de aandeelhouders, de Raad van Bestuur, de Chief Executive Officer en het Uitvoerend Comité. Als bedrijf waarvan de aandelen genoteerd zijn op Euronext Brussel, erkennen we het belang van hoge normen voor corporate governance en daarom beantwoordt het Corporate Governance Charter aan de specifieke behoeften en belangen van onze vennootschap.

BESTUURSMODEL

EXMAR NV ("EXMAR" of "de Vennootschap") heeft de Belgische Corporate Governance Code 2020 ("Code 2020") aangenomen als referentiecode.

De governancestructuur van de Vennootschap, en in het bijzonder de rol en verantwoordelijkheden, de samenstelling en de werking van de Raad van Bestuur, zijn adviserende comités en het Uitvoerend Comité, worden beschreven in het Corporate Governance Charter (het ''Charter'').

EXMAR's Corporate Governance Charter werd door de Raad van Bestuur goedgekeurd op 3 december 2020 en werd van tijd tot tijd aangepast.

Het Charter is een samenvatting van de regels en principes waarrond het corporate governance-beleid van EXMAR is georganiseerd en is gebaseerd op de bepalingen van de gecoördineerde statuten, het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen ("WVV") en de Code 2020. Het Charter is door de Raad van Bestuur herzien om de Code 2020 aan te wijzen als referentiecode in de zin van Artikel 3:6, §2, 1° van het WVV.

Alvorens het Charter goed te keuren, heeft de Raad van Bestuur grondig nagedacht over zijn governancestructuur, duurzame waardecreatie en focus op lange termijn. EXMAR is zich bewust van het belang van deugdelijk bestuur en is ervan overtuigd dat de naleving van de hoogste normen van deugdelijk bestuur fundamenteel is voor de groei op lange termijn en belangrijk is voor alle belanghebbenden van de Vennootschap.

Het EXMAR Corporate Governance Charter kan geraadpleegd worden op de website: http://EXMAR.be/en/investors/corporate-governance. Het Charter dient samen te worden gelezen met de statuten van EXMAR, het financieel jaarverslag en alle andere informatie die door EXMAR ter beschikking wordt gesteld.

De elementen opgesomd in Artikel 34 van het Belgisch Koninklijk Besluit van 14 november 2007 en artikel 14 van de wet van 2 mei 2007 worden in deze Verklaring en in het verslag van de Raad van Bestuur aan de aandeelhouders bekendgemaakt en moeten bijgevolg in onderlinge samenhang gelezen worden.

De belangrijkste kenmerken van het governancemodel van EXMAR zijn:

  • Een Raad van Bestuur die het algemene beleid en de strategie van EXMAR bepaalt en toezicht houdt op het operationele management;
  • Een Audit- en Risicocomité, een Benoemings- en Remuneratiecomité en een Uitvoerend Comité opgericht door de Raad van Bestuur;
  • Een Chief Executive Officer (CEO) die de primaire verantwoordelijkheid draagt voor het operationele management, samen met het Uitvoerend Comité

EXMAR streeft ernaar de meeste bepalingen van de Code 2020 na te leven, maar de Raad van Bestuur is van mening dat afwijking van bepalingen gerechtvaardigd kan zijn in het licht van de specifieke situatie van de Vennootschap. Indien van toepassing wordt in de Corporate Governance Verklaring (de "Verklaring") uitleg gegeven over dergelijke afwijkingen tijdens het afgelopen boekjaar in overeenstemming met het "pas toe of leg uit"-principe.

EXMAR wijkt af van bepalingen 7.6, 7.9 en 7.10 van de Code 2020. Deze afwijkingen worden beschreven en toegelicht in het remuneratieverslag.

EXMAR is institutioneel lid van Guberna, een kenniscentrum dat corporate governance in al zijn vormen promoot en een platform biedt voor de uitwisseling van ervaringen, kennis en beste praktijken.

CORPORATE GOVERNANCE VERKLARING

Deze Corporate Governance verklaring geeft een overzicht van de maatregelen die EXMAR neemt om de naleving van wet- en regelgeving te verzekeren. Zo werd een complianceprogramma geïmplementeerd om de risico's op inbreuken en nadelige gevolgen voor EXMAR en zijn stakeholders te beperken.

Raad van bestuur

4.1

verklaring

Corporate governance

Monistische structuur

De Vennootschap heeft gekozen voor de monistische governancestructuur tijdens de Buitengewone Algemene Vergadering van 11 september 2020, waarbij de Raad van Bestuur bevoegd is om alle handelingen te verrichten die nodig of nuttig zijn om het doel van de Vennootschap te verwezenlijken, met uitzondering van deze waarvoor de Algemene Vergadering van Aandeelhouders bevoegd is. De Vennootschap beschouwt deze monistische governancestructuur als de meest geschikte, die snelle besluitvorming mogelijk maakt en zijn efficiëntie al heeft bewezen. Ten minste eens in de vijf jaar evalueert de Raad van Bestuur of de gekozen governancestructuur nog steeds geschikt is, en zo niet, wordt een nieuwe governancestructuur voorgesteld aan de Algemene Vergadering. Een dergelijke evaluatie volgt in de loop van 2025.

Samenstelling

Momenteel bestaat de Raad van Bestuur uit 10 leden, een voldoende aantal bestuurders om een goede werking te garanderen, rekening houdend met de specifieke kenmerken van de Vennootschap.

De samenstelling van de Raad van Bestuur van EXMAR weerspiegelt diversiteit: bestuurders verschillen niet alleen qua achtergrond, opleiding, leeftijd en geslacht, maar ook wat betreft hun onafhankelijkheid, ervaring en professionele expertise.

De genoemde diversiteit zorgt voor een breed scala aan perspectieven, inzichten en kritisch denken, die essentieel zijn voor efficiënte besluitvorming en goed bestuur.

Het Benoemings- en Remuneratiecomité evalueert en beoordeelt de samenstelling van de Raad van Bestuur en adviseert de Raad van Bestuur over de benoeming van nieuwe leden van de Raad van Bestuur en de verlenging van bestaande mandaten. Het Benoemings- en Remuneratiecomité beoordeelt kandidaten op hun verdienste zonder de nood aan diversiteit uit het oog te verliezen, met inbegrip van criteria zoals achtergrond, opleiding, leeftijd, geslacht, onafhankelijkheid, professionele vaardigheden, en professionele en persoonlijke ervaring.

Functies en mandaten van de bestuurders per 31 december 2024:

Een gedetailleerde beschrijving van de bestuurders is te vinden op https://EXMAR.com/en/team-categories/ board-of-directors/

NAAM - FUNCTIE BEGIN VAN MANDAAT EINDE TERMIJN AANWEZIGHEID
BIJ VERGADE
RINGEN
Nicolas Saverys
- Uitvoerend voorzitter
- Uitvoerend bestuurder
20 juni 2003 AV 2027 6/7
Carl-Antoine Saverys
- Uitvoerend bestuurder
- Chief Executive Officer (CEO)
18 mei 2021 AV 2027 7/7
FMO BV vertegenwoordigd door Francis
Mottrie
- Uitvoerend bestuurder
- Chief Operating Officer (COO)
11 september 2020 AV 2025 7/7
Michel Delbaere
- Onafhankelijk bestuurder
- Voorzitter Benoemings- en Remuneratiecomité
17 mei 2016 AV 2025 7/7
Baron Philippe Vlerick
- Niet-uitvoerend bestuurder
- Voorzitter Audit- en Risicocomité
20 juni 2003 AV 2026 7/7
Isabelle Vleurinck
- Onafhankelijk bestuurder
- Lid Audit- en Risicocomité
- Lid Benoemings- en Remuneratiecomité
21 mei 2019 AV 2025 7/7
Wouter De Geest
- Onafhankelijk bestuurder
- Lid Audit- en Risicocomité
19 mei 2020 AV 2025 7/7
Stephanie Saverys
- Niet-uitvoerend bestuurder
18 mei 2021 AV 2027 7/7
ACACIA I BV vertegenwoordigd door Els
Verbraecken
- Onafhankelijk bestuurder
- Lid Audit- en Risicocomité
- Lid Benoemings- en Remuneratiecomité
Gecoöpteerd op
9 september 2021
bevestigd door de
Algemene Vergadering
van 17 mei 2022
AV 2025 7/7
Maryam Ayati
- Onafhankelijk bestuurder
Gecoöpteerd op
9 september 2021
bevestigd door de
Algemene Vergadering
van 17 mei 2022
AV 2025 5/7

Onafhankelijkheid

Vijf van de bestuurders zijn onafhankelijk. Elk onafhankelijk bestuurslid voldoet aan de criteria die door de wet en de Code 2020 zijn vastgesteld.

Bevoegdheden en verantwoordelijkheden

De Raad van Bestuur is het hoogste

besluitvormingsorgaan van de Vennootschap en is bevoegd om alle handelingen te verrichten die nodig of nuttig zijn voor de verwezenlijking van het doel van de Vennootschap, met uitzondering van de handelingen die het WVV of de statuten voorbehoudt voor de Algemene Vergadering van Aandeelhouders.

De Raad van Bestuur streeft succes van de Vennootschap op lange termijn na door te zorgen voor het nodige leiderschap en de identificatie en het beheer van risico's. De Raad van Bestuur is verantwoordelijk voor de algemene strategie en waarden van EXMAR, gebaseerd op sociale en economische verantwoordelijkheid, en verantwoordelijkheid voor het milieu, genderdiversiteit en diversiteit in het algemeen.

De bevoegdheden en de werking van de Raad van Bestuur worden uitgebreid beschreven in het Corporate Governance Charter.

Activiteiten

In 2024 hield de Raad van Bestuur zeven vergaderingen, waarvan zes onder voorzitterschap van de heer Nicolas Saverys en één onder voorzitterschap van de heer Carl-Antoine Saverys.

De aanwezigheid van de bestuurders op de vergaderingen bedroeg 96%.

Naast het uitoefenen van de bevoegdheden voorzien in de wet, de statuten en het Corporate Governance Charter, houdt de Raad van Bestuur zich bezig met de evaluatie en de besluitvorming over de langetermijnstrategie, de belangrijkste beleidslijnen en de structuur van de Vennootschap, en het bekendmaken van de rekeningen en de jaarrekening van de Groep.

Meer specifiek behandelde de Raad van Bestuur, naast andere onderwerpen, de intentie van Saverex om een vrijwillig en voorwaardelijk openbaar overnamebod uit te brengen op alle aandelen en aandelenopties die het nog niet in zijn bezit had (het "Saverex Bod"), zijn steun (onder voorbehoud van nazicht van het prospectus) aan en de communicatie met betrekking tot het Saverex Bod, het ENI project in Congo, de verkoop van het accommodatieplatform WARIBOKO, de verkoop van Bexco NV, de herfinanciering van de EXCALIBUR, de French Tax Lease-financiering voor de zes nieuwbouw middelgrote gastankers, de aankoop van vier nieuwbouw middelgrote gastankers van Avance Gas, het budget 2025, ESG-CSRD, digitalisering, de benoeming van een nieuwe Executive Director Shipping en de interne audit.

Comités

Audit- en Risicocomité

SAMENSTELLING

Baron Philippe Vlerick Niet-uitvoerend bestuurder Voorzitter Audit- en Risicocomité

Isabelle Vleurinck Onafhankelijk bestuurder

Wouter De Geest

Onafhankelijk bestuurder

ACACIA I BV vertegenwoordigd door Els Verbraecken Onafhankelijk bestuurder

De Code 2020 bepaalt dat de Raad van Bestuur een Auditcomité opricht in overeenstemming met het WVV. Gezien zijn rol in risicovraagstukken kan dit comité ook "Audit- en Risicocomité" worden genoemd. De Raad van Bestuur heeft daarom in 2020 beslist om het bestaande Auditcomité en Risicocomité samen te voegen tot één Audit- en Risicocomité.

Het Audit- en Risicocomité werkt in overeenstemming met artikel 7:99 WVV en principe 4 van de Code 2020, en is samengesteld uit niet-uitvoerende bestuurders waarvan er één onafhankelijk is.

Het Comité rapporteert aan de Raad van Bestuur.

Op 28 mei, 5 juli en 28 november 2024 kwamen de Key Risk Officers van de Vennootschap (CFO, CLO, hoofd

Corporate HSEQ, hoofd ESG, Controller, IT-directeur, HR-directeur) bijeen om hun respectieve aangewezen risicogebieden te bespreken, samen met de nieuwe Compliance Manager, en hun bevindingen werden gerapporteerd aan het Audit- en Risicocomité.

Bevoegdheden en verantwoordelijkheden

De Raad van Bestuur heeft het Audit- en Risicocomité de ruimste onderzoeksbevoegdheden toegekend binnen zijn werkterrein. Het Comité staat de Raad van Bestuur bij in het vervullen van zijn toezichthoudende taak en het verzekeren van controle in de ruimste zin. Het is ook het belangrijkste contactpunt voor de interne auditor en de Commissaris.

Alle leden van de Audit- en Risicocomité beschikken over de nodige deskundigheid op het gebied van boekhouding en controle en hebben uitgebreide professionele ervaring met financiële verslaggeving, en boekhoudkundige normen en risico's.

Data Protection Comittee

Met de inwerkingtreding van de EU General Data Protection Regulation 2016/679 (GDPR) per 25 mei 2018 is er een Data Protection Committee ("DPC") aangesteld.

Het DPC rapporteert aan het Audit- en Risicocomité en behandelt alle aangelegenheden met betrekking tot privacy en persoonsgegevens. Het DPC hield twee vergaderingen in 2024.

Activiteiten

De specifieke verantwoordelijkheden van het Auditen Risicocomité worden bepaald in het Corporate Governance Charter en in het Audit Charter, goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 31 maart 2011 en voor het laatst herzien op 19 maart 2021.

In 2024 werden vijf vergaderingen gehouden, in aanwezigheid van alle leden van het Comité.

De Commissaris woonde drie vergaderingen bij en de interne auditor woonde alle vergaderingen bij.

Het Audit- en Risicocomité beraadslaagde over specifieke financiële aangelegenheden, interne controle en risicobeheer, het budget 2025 en gebeurtenissen op het vlak van compliance die zich gedurende het jaar voordeden, en deed aanbevelingen aan de Raad van Bestuur.

Tijdens de vergadering op 19 augustus 2024 besprak het Audit- en Risicocomité de regels en voorschriften inzake duurzaamheid en ESG zoals voorzien in de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD) richtlijn, en de voortgang van de inspanningen van de Vennootschap op het gebied van CSRD-rapportage, in aanwezigheid van de Commissaris.

Benoemings- en Remuneratiecomité

SAMENSTELLING

Michel Delbaere Onafhankelijk bestuurder Voorzitter Benoemings- en Remuneratiecomité

Isabelle Vleurinck Onafhankelijk bestuurder

ACACIA I BV vertegenwoordigd door Els Verbraecken Onafhankelijk bestuurder

Het Benoemings- en Remuneratiecomité werkt in overeenstemming met Artikel 7:100 WVV: het is samengesteld uit een meerderheid van onafhankelijke bestuurders en wordt voorgezeten door een nietuitvoerende bestuurder.

Het Comité rapporteert aan de Raad van Bestuur.

Bevoegdheden en verantwoordelijkheden

Het Comité heeft een evenwichtige samenstelling en beschikt over de noodzakelijke onafhankelijkheid, vaardigheden, kennis, ervaring en capaciteit om zijn taken efficiënt uit te voeren.

Het Comité staat de Raad van Bestuur bij in het uitvoeren van zijn verantwoordelijkheden met betrekking tot het remuneratiebeleid van de Vennootschap en de benoemingsprocedures.

Activiteiten

De specifieke verantwoordelijkheden worden bepaald in het Corporate Governance Charter en het Charter van het Benoemings- en Remuneratiecomité, goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 29 november 2011, van tijd tot tijd herzien en voor het laatst op 19 maart 2021. Er bestaat eveneens een door de Raad van Bestuur goedgekeurde procedure voor de benoeming en herbenoeming van bestuurders en leden van het Uitvoerend Comité.

Het Benoemings- en Remuneratiecomité is het afgelopen jaar twee keer bijeengekomen en alle leden waren aanwezig op elke vergadering.

Met betrekking tot remuneratie werden de volgende punten besproken:

  • Remuneratiepakket
  • Remuneratieverslag

Met betrekking tot de benoemingen werden de volgende punten besproken:

  • Samenstelling van de Raad van Bestuur: verlenging van de mandaten van Nicolas Saverys, Carl-Antoine Saverys en Stephanie Saverys
  • Samenstelling van het Uitvoerend Comité: aanbeveling tot benoeming van de nieuwe Executive Director Shipping

Evaluatie

De Raad van Bestuur heeft een transparant en flexibel instrument nodig waarmee hij zijn prestaties kan meten en beoordelen.

De Code 2020 en het Corporate Governance Charter voorzien in deze vereiste door de leden van de Raad van Bestuur periodiek te verzoeken een evaluatie te maken. De Raad van Bestuur, onder leiding van de Voorzitter, voerde het evaluatieproces voor het eerst in 2011 in en herhaalde dit van tijd tot tijd. In 2025 wordt een nieuw evaluatieproces opgestart.

Het belangrijkste doel van de evaluatie is het verbeteren van de toegevoegde waarde van de Raad van Bestuur. Het moet de waarden van de Vennootschap versterken, de efficiëntie verhogen en ook helpen bij het opsporen en proactief aanpakken van mogelijke problemen.

Na de evaluatie kan de feedback van de leden van de Raad van Bestuur leiden tot het bijsturen van de werking van de Raad van Bestuur en de comités.

Secretaris

Mathieu Verly sinds juli 2015.

De Secretaris zorgt ervoor dat de handelingen van de Raad van Bestuur in overeenstemming zijn met zijn wettelijke en statutaire verplichtingen. Hij ziet ook toe op de naleving van de procedures van de Raad van Bestuur. Hij adviseert de Raad van Bestuur over alle bestuurszaken en staat de Voorzitter van de Raad van Bestuur bij in het vervullen van zijn taken zoals beschreven in het Charter, evenals bij de logistieke organisatie van de zaken van de Raad van Bestuur (informatievoorziening, agenda, etc.).

Uitvoerend Comité en CEO

SAMENSTELLING

CASAVER SRL vertegenwoordigd door
Carl-Antoine Saverys
Chief Executive Officer (CEO)
FMO BV vertegenwoordigd door Francis Mottrie
Chief Operating Officer (COO)
HAX BV vertegenwoordigd door Hadrien Bown
Chief Financial Officer (CFO)
Lisann AS vertegenwoordigd door Jens Ismar
Executive Director Shipping
FLX Consultancy BV vertegenwoordigd door
Jonathan Raes
Executive Director Infrastructure

Een gedetailleerde beschrijving van de leden van het Uitvoerend Comité is te vinden op https://EXMAR.com/ en/team-categories/executive-committee/.

Op 3 december 2020 richtte de Raad van Bestuur een Uitvoerend Comité opgericht op dat, onder de verantwoordelijkheid van de Raad van Bestuur, belast is met het dagelijks bestuur en beleid van de Groep, de uitvoering van de beslissingen van de Raad van Bestuur en de specifieke taken die de Raad van Bestuur aan het Uitvoerend Comité heeft gedelegeerd.

Bevoegdheden en verantwoordelijkheden

De Raad bepaalt de specifieke bevoegdheden en taken die worden toevertrouwd aan het Uitvoerend Comité en ontwikkelt een duidelijk delegatiebeleid in nauw overleg met de CEO.

Het Uitvoerend Comité komt regelmatig samen. De CEO is de voorzitter van het Uitvoerend Comité.

Algemene informatie over EXMAR en gegevens die openbaar moeten worden gemaakt overeenkomstig artikel 34 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007

Datum van oprichting en statutenwijzigingen

De Vennootschap werd opgericht bij notariële akte op 20 juni 2003, gepubliceerd in de Bijlagen tot het Belgisch Staatsblad van 30 juni 2003, referentie 03072972, en van 4 juli 2003, referentie 03076338.

De statuten werden meermaals gewijzigd. Nieuwe statuten werden aangenomen om te voldoen aan de bepalingen van het WVV bij akte verleden voor Notaris Benoît De Cleene te Antwerpen, ter vervanging van zijn collega Notaris Patrick Van Ooteghem te Temse, op 11 september 2020, gepubliceerd in de Bijlagen tot het Belgisch Staatsblad van 26 november 2020, referentie 20139984.

De laatste statutenwijziging werd verleden voor Notaris Wesley Cielen te Antwerpen, ter vervanging van zijn collega Notaris Patrick Van Ooteghem te Temse, op 30 oktober 2023, gepubliceerd in de Bijlagen tot het Belgisch Staatsblad van 23 november 2023, referentie 23149812.

Maatschappelijke zetel

De Gerlachekaai 20, 2000 Antwerpen, België BTW BE0860.409.202 Rechtspersonenregister Antwerpen - Afdeling Antwerpen

Kapitaal en aandelen

Het geplaatste kapitaal bedraagt USD 88.811.667 en wordt vertegenwoordigd door 59.500.000 aandelen zonder nominale waarde. Voor de toepassing van de bepalingen van het WVV is de referentiewaarde van het kapitaal vastgesteld op EUR 72.777.924,85. Alle aandelen zijn volledig volstort. Tijdens het afgelopen boekjaar hebben zich geen kapitaalwijzigingen voorgedaan die gemeld moeten worden volgens artikel 7:203 van het WVV.

In afwijking van het bepaalde in artikel 3:42 WVV worden het kapitaal en de boekhouding uitgedrukt in US-dollar. Deze afwijking werd toegestaan door het ministerie van Economische Zaken en schriftelijk bevestigd op 2 juli 2003. De redenen voor deze afwijking blijven van toepassing.

Alle aandelen van EXMAR hebben dezelfde rechten. Er zijn geen verschillende aandelenklassen. Elk aandeel geeft recht op één stem op de aandeelhoudersvergaderingen.

Van de 59.500.000 aandelen zijn 48.375.792 aandelen op naam en 11.124.208 aandelen gedematerialiseerd per 31 december 2024.

Toegestaan kapitaal

Krachtens het WVV kan de Raad van Bestuur door de aandeelhouders worden gemachtigd om gedurende een periode van vijf jaar het kapitaal tot een bepaald bedrag en binnen bepaalde grenzen te verhogen.

Bij besluit van de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 11 september 2020 werd de Raad van Bestuur gemachtigd om binnen een periode van vijf jaar, te rekenen vanaf de datum van bekendmaking van een dergelijk besluit, het maatschappelijk kapitaal van de Vennootschap één of meerdere malen te verhogen, op de wijze en tegen de voorwaarden bepaald door de Raad van Bestuur, met een maximumbedrag van USD 12.000.000, de referentiewaarde van EUR 7.703.665,66 voor toepassing van de bepalingen van het WVV. Het bijzonder verslag van de Raad van Bestuur is opgesteld in overeenstemming met de bepalingen van artikel 7:199 van het WVV.

In 2024 heeft de Raad van Bestuur van EXMAR geen gebruik gemaakt van het recht om het kapitaal te verhogen in het kader van het toegestaan kapitaal.

Procedure voor wijzigingen in het aandelenkapitaal van EXMAR

EXMAR NV mag zijn maatschappelijk kapitaal verhogen of verlagen bij besluit van de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders overeenkomstig het WVV. Er zijn geen voorwaarden opgelegd door de statuten die strenger zijn dan de wettelijke vereisten

Inkoop van eigen aandelen

Op de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 11 september 2020 werd beslist om de Raad van Bestuur te machtigen om maximum 20% van de bestaande aandelen of winstbewijzen te verwerven voor een periode van vijf jaar vanaf de datum van publicatie van dit besluit in de Bijlagen tot het Belgisch Staatsblad, tegen een prijs per aandeel die niet hoger zal zijn dan de maximumprijs per aandeel die krachtens de toepasselijke wetgeving aanvaardbaar is en die niet lager zal zijn dan 0,01 euro.

Het aantal eigen aandelen op 31 december 2024 bedroeg 3,29%, wat neerkomt op 1.956.013 aandelen.

Overdracht van aandelen en aandeelhoudersregelingen

De statuten leggen geen beperkingen op aan de overdracht van aandelen.

Beschermingsconstructies

Op 16 mei 2023 heeft de Buitengewone Algemene Vergadering de Raad van Bestuur gemachtigd om, onder voorbehoud van de toepasselijke wetgeving en ter voorkoming van een dreigend ernstig nadeel voor de Vennootschap, met inbegrip van een openbaar overnamebod op de effecten van de Vennootschap, de aandelen of winstbewijzen van de Vennootschap te verwerven en te verkopen voor een periode van drie jaar vanaf de datum van bekendmaking van de beslissing van de Buitengewone Algemene Vergadering van 16 mei 2023 in de Bijlagen tot het Belgisch Staatsblad.

Bovendien werd de Raad van Bestuur ook gemachtigd om het kapitaal van de Vennootschap te verhogen binnen de grenzen van het toegestaan kapitaal in geval van een kennisgeving van de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) betreffende een openbaar overnamebod op de effecten van de Vennootschap.

Anti-overnamebepalingen in de statuten van EXMAR NV

De statuten van EXMAR NV bevatten momenteel geen anti-overnamebepalingen.

Anti-overnamebepalingen naar Belgisch recht

Naar Belgisch recht staat een openbaar overnamebod op alle uitstaande stemrechtverlenende effecten van de emittent onder toezicht van de FSMA. Als de FSMA vaststelt dat een overname in strijd is met het Belgische recht, kan dit leiden tot opschorting van de uitoefening van de rechten verbonden aan aandelen die in verband met de voorgenomen overname werden verworven. Krachtens de Belgische wet van 1 april 2007 op de openbare overnames moet een verplicht overnamebod worden uitgebracht wanneer een persoon, als gevolg van zijn eigen verwerving of de verwerving door personen die in onderling overleg met hem handelen, rechtstreeks of onrechtstreeks meer dan 30% van de effecten met stemrecht bezit in een vennootschap met zetel in België waarvan de effecten zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde of erkende markt. De verwerver moet alle andere aandeelhouders de gelegenheid bieden hun aandelen te verkopen tegen de hoogste van de volgende prijzen: (i) de hoogste prijs die de verwerver heeft geboden voor aandelen van de emittent gedurende de 12 maanden voorafgaand aan de aankondiging van het bod, of (ii) de gewogen gemiddelde prijs van de aandelen op de meest liquide markt gedurende de laatste 30 kalenderdagen voorafgaand aan de datum waarop de verwerver verplicht werd om een verplicht

overnamebod uit te brengen op de aandelen van alle andere aandeelhouders.

Controlemechanisme van een aandelenregeling voor werknemers waarbij de zeggenschapsrechten niet rechtstreeks door de werknemers worden uitgeoefend

Er bestaat geen aandelenplan voor werknemers met een dergelijk mechanisme.

Aandeelhoudersovereenkomsten

De Vennootschap heeft geen kennis van afspraken tussen aandeelhouders.

Aandeelhoudersstructuur en ontvangen kennisgevingen

Aandeelhoudersstructuur per 31 december 2024:

  • SAVEREX: 84,14%
  • EXMAR: 3,29%
  • Freefloat: 12,57%

Het EXMAR-aandeel is genoteerd op Euronext Brussel en maakt deel uit van de Bel Small index (Euronext: EXM).

De hoofdaandeelhouder van EXMAR, Saverex NV, lanceerde een vrijwillig en voorwaardelijk bod in contanten op alle aandelen van EXMAR in 2023.

Op 20 september 2023 kondigde Saverex de definitieve resultaten van dit bod aan. In totaal werden 20.912.821 aandelen aangeboden, wat overeenkomt met 35,15% van de uitstaande aandelen van EXMAR. Bijgevolg bezaten Saverex en zijn verbonden partijen, na afronding van het bod samen 49.838.689 aandelen, wat 83,76% van de uitstaande aandelen van EXMAR NV vertegenwoordigt.

Op 3 december 2024 kondigde Saverex NV zijn intentie aan om een vrijwillig en voorwaardelijk openbaar overnamebod uit te brengen op alle aandelen van EXMAR NV die nog niet in zijn bezit waren of in het bezit waren van verbonden partijen.

In de loop van 2024 en tot en met de datum van dit verslag ontving de Vennootschap volgende kennisgevingen in het kader van de Transparantiewet van 2 mei 2007:

  • Op 6 december 2024 kondigde EXMAR NV aan dat Saverex NV en verbonden partijen een drempel van 85% overschreden door een verwerving van aandelen
  • Op 21 januari 2025 kondigde EXMAR NV aan dat Saverex NV de drempel van 85% had overschreden door een overname van aandelen.

Overeenkomstig artikel 74§6 van de Wet op de Openbare Overnamebiedingen van 1 april 2007, heeft SAVEREX NV op 15 oktober 2007, bijgewerkt op 27 augustus 2024, aan de FSMA gemeld dat het meer dan 30% van de effecten met stemrecht bezit in EXMAR NV, een beursgenoteerde vennootschap.

De statutaire informatie is gepubliceerd op de website: https://EXMAR.com/

Statuten, algemene vergaderingen, deelname en uitoefening van het stemrecht

De jaarlijkse Algemene Vergadering van Aandeelhouders vindt plaats op de derde dinsdag van mei om 14.30 uur.

De regels voor de bijeenroeping, de deelname, het verloop van de vergadering, de uitoefening van het stemrecht, statutenwijzigingen, de benoeming van de leden van de Raad van Bestuur en zijn comités zijn te vinden in de gecoördineerde statuten en het Corporate Governance Charter van de Vennootschap, die beide beschikbaar zijn op de website van de Vennootschap: https://EXMAR.com/en/investors/reports-anddownloads/coordinated-articles-of-association/.

BELANGRIJKE OVEREENKOMSTEN MET WIJZIGING VAN ZEGGENSCHAP (CHANGE OF CONTROL) BEPALINGEN

De volgende belangrijke overeenkomsten die in 2024 van kracht waren, bevatten bepalingen inzake wijziging van zeggenschap:

Twee Bareboat Charterovereenkomsten van
23 oktober 2018 tussen EXMAR Small-Scale
LPG Hong Kong Limited als bevrachter,
wiens verplichtingen worden gegarandeerd
door EXMAR NV onder een chartergarantie
van dezelfde datum als de bareboat
charterovereenkomsten, en respectievelijk
Apollo Co., Ltd. en Bia Co., Ltd. als eigenaar,
met betrekking tot respectievelijk de
pressurized LPG-tankers FATIME en ANNE.
De clausule, die identiek is in elk van de twee overeenkomsten,
bepaalt dat de eigenaar de bevrachting van het schip
kan beëindigen en dat de bevrachter aan de eigenaar de
onbetaalde huur, kosten en verschuldigde bedragen, het
bedrag van de onbetaalde verliezen exclusief winstderving, en
de bedongen verlieswaarde
(a) Indien SAVEREX NV ophoudt minstens 33,3% van de
stemrechten in, of het aandelenkapitaal van, EXMAR NV te
bezitten, of anderszins ophoudt controle te hebben over het
bestuur van EXMAR; of
(b) anders dan met betrekking tot SAVEREX NV, indien een
persoon of een in overleg handelende groep van personen ten
minste 33,3% van de stemrechten in, of het aandelenkapitaal
van, EXMAR NV verkrijgt of anderszins controle verkrijgt over het
bestuur van EXMAR.
Garantie uitgegeven door EXMAR NV op
21 december 2022 als zekerheid onder de
Loan Agreement van 16 december 2022,
gewijzigd en aangepast op 23 oktober 2024,
tussen EXMAR Shipping BV en Nordea Bank
ABP, Filial I Norge, Skandinaviska Enskilda
Banken ab (publ); BNP Paribas Fortis sa/nv,
Crédit Agricole Corporate and Investment
Bank, Danske Bank a/s, DNB Markets inc.,
en First-Citizens Bank & Trust Company als
kredietverstrekkers.
De clausule bepaalt dat in het geval EXMAR NV zou geschrapt
worden van de Eerste Markt van Euronext Brussel, EXMAR NV
ervoor zal zorgen dat Nicolas Saverys en/of zijn rechtstreekse
afstammelingen in rechte lijn te allen tijde rechtstreeks of
onrechtstreeks minstens 33 1/3% van het maatschappelijk
kapitaal van de Garant zullen bezitten.
De USD 96.000.000 Facility Agreement van
14 december 2023 met betrekking tot de
FSRU Eemshaven LNG, tussen EXMAR Energy
Netherlands B.V. als Kredietnemer, EXMAR
NV als Garant, KBC BANK NV, ABN AMRO
B.V., Belfius Bank SA/NV en BNP Paribas
Fortis SA/NV als Mandated Lead Arrangers en
Oorspronkelijke Kredietnemers.
De clausule bepaalt dat de faciliteit kan worden versneld in
geval van een controlewijziging op het niveau van EXMAR
NV, wat betekent dat Nicolas Saverys of zijn erfgenamen of
eender welk fonds gecontroleerd door Nicolas Saverys of zijn
erfgenamen rechtstreeks of onrechtstreeks de controle over
de Vennootschap verliezen (d.w.z. 50% van de aandelen van
EXMAR NV of de jure controle), of een persoon of een groep van
personen die in onderling overleg handelen de rechtstreekse of
onrechtstreekse controle over de Vennootschap verwerft.
Zes Bareboat Charters bij wijze van Crédit-Bail,
gedateerd 24 oktober 2024, met betrekking
tot rompnummers 8387, 8388, 8389, 8390,
8391 en 8392, in aanbouw bij HD Hyundai
Mipo Co., Ltd.,, tussen EXMAR LPG France
als rompbevrachter, wiens verplichtingen
gewaarborgd worden door EXMAR NV
onder een garantie van dezelfde datum
als de bareboat charter overeenkomst, en
respectievelijk SNC Champagny 8387 Bail, SAS
Courchevel 8388 Bail, SAS Antwerpen 8389
Bail, SNC Arlon 8390 Bail, SNC Annecy 8391
Bail en SNC Albertville 8392 Bail als eigenaar.
De clausule, die identiek is in de zes bareboat charters,
bepaalt dat de eigenaar zijn verplichting om het schip via
crédit-bail te charteren zal beëindigen (bij beëindiging vóór
de levering van het schip) of het crédit-bail zal beëindigen
(bij beëindiging na levering) en dat de rompbevrachter een
beëindigingsvergoeding, andere verschuldigde bedragen
onder de bareboat charter en alle correct gedocumenteerde
kosten, verliezen, uitgaven en aansprakelijkheden zal betalen,
indien Nicolas Saverys of zijn rechtstreekse afstammelingen
niet langer ten minste 33 1/3% van het aandelenkapitaal van
EXMAR NV bezitten.

DIVERSITEITSBELEID VAN EXMAR

Overeenkomstig de bepalingen van de Code 2020 en het WVV ziet EXMAR erop toe dat elke werknemer wordt geselecteerd op basis van onder meer capaciteiten, talenten en vaardigheden. EXMAR is ervan overtuigd dat de diversiteit van de werknemers (met inbegrip van leeftijd, geslacht, culturele achtergrond en beroepservaring) een meerwaarde vormt voor elke internationale onderneming.

In 2024 voldeed EXMAR aan de wet van 28 juli 2011 met betrekking tot genderdiversificatie in de Raad van Bestuur, en aan artikel 7:86 WVV.

TOEZICHT

Externe audit

Bij beslissing van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 16 mei 2023 werd Deloitte Belgium herbenoemd als Commissaris van de Vennootschap voor een periode van drie jaar. Deloitte wordt vertegenwoordigd door Fabio De Clercq.

De Commissaris voert de externe audit uit van zowel de geconsolideerde als de statutaire cijfers van EXMAR.

De Raad van Bestuur besloot in 2017, op aanbeveling van het Audit- en Risicocomité, om de halfjaarresultaten niet langer te beoordelen, in lijn met het beleid van andere beursgenoteerde ondernemingen. De Commissaris werd echter verzocht om de bijgewerkte versie van de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële staten te beoordelen om consistentie met de door het Comité voorgestelde aanpassingen te verzekeren.

Interne audit

EY werd in 2021 herbenoemd voor drie jaar om de Vennootschap bij te staan bij het uitvoeren van haar interne auditactiviteiten. Het mandaat van EY liep af op 31 december 2024 en tijdens de vergadering van het Audit- en Risicocomité van 5 december 2024 werd besloten om PWC te benoemen voor een termijn van drie jaar.

Compliance Officer

HAX BV vertegenwoordigd door Hadrien Bown is de Compliance Officer van EXMAR sinds 1 december 2023.

De Compliance Officer is verantwoordelijk voor de implementatie van en het toezicht op de naleving van de Dealing Code en de taken beschreven in het Compliance Model van de Vennootschap.

REGELS, BELEID EN PROCEDURES

Tegenstrijdige belangen

Elk lid van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Comité wordt aangemoedigd om zijn of haar mandaat zo efficiënt mogelijk te organiseren en persoonlijke en zakelijke belangen zodanig te behartigen dat er geen rechtstreeks of onrechtstreeks belangenconflict is met de Vennootschap.

Eventuele transacties tussen EXMAR of een verbonden vennootschap en een lid van de Raad van Bestuur vinden plaats tegen gebruikelijke marktvoorwaarden. Dezelfde gezonde afstand geldt voor transacties tussen de Vennootschap of een met haar verbonden vennootschap en een persoon die nauw verbonden is met een lid van de Raad van Bestuur.

De bepalingen van het WVV en het Corporate Governance Charter zijn van toepassing in het geval van een belangenconflict.

Eventuele belangenconflicten van leden van de Raad van Bestuur en/of leden van het Uitvoerend Comité in de zin van artikel 7:96 of 7:115 WVV worden beschreven in het Jaarverslag van de Raad van Bestuur aan de Aandeelhouders.

Transacties met verbonden partijen

Momenteel leveren SAVERBEL NV en SAVEREX NV, vennootschappen gecontroleerd door de heer Nicolas Saverys, administratieve diensten en levert SAVEREX NV consultancydiensten aan de EXMAR Groep. De diensten worden gefactureerd en verleend aan marktconforme voorwaarden.

De Raad van Bestuur van EXMAR heeft op 9 september 2021 een beleid aangenomen overeenkomstig artikel 7.97§1 WVV om de procedures vast te leggen voor de beoordeling door de Vennootschap van transacties en beslissingen in het kader van de gewone bedrijfsuitoefening met verbonden partijen.

Bepaalde transacties of beslissingen van de Vennootschap en haar dochterondernemingen die onder de bevoegdheid van de Raad van Bestuur vallen en betrekking hebben op verbonden partijen in de zin van de internationale boekhoudnorm (IAS) 24 moeten vooraf worden beoordeeld door een comité van ten minste drie onafhankelijke bestuurders, dat vervolgens een niet-bindend advies over dergelijke transactie of beslissing moet uitbrengen aan de Raad van Bestuur. Het comité mag, maar moet niet worden bijgestaan door een of meer onafhankelijke deskundigen (financiële, juridische, technische, enz.). De Commissaris van de Vennootschap moet vóór de vergadering van de Raad van Bestuur op de hoogte worden gebracht om een advies te kunnen geven over de gebruikte

financiële en boekhoudkundige gegevens. De Raad van Bestuur beraadslaagt vervolgens over de voorgestelde transactie of beslissing.

Code van bedrijfsethiek

De Code van Bedrijfsethiek maakt deel uit van het Corporate Governance Charter. Integriteit en ethiek zijn altijd kenmerkend geweest voor de manier waarop EXMAR zaken doet. Werken met een sterk gevoel van integriteit is van cruciaal belang om het vertrouwen en de geloofwaardigheid van onze klanten, partners, werknemers, aandeelhouders en andere belanghebbenden in stand te houden. Onze Code van Bedrijfsethiek bevat regels met betrekking tot individuele en collegiale verantwoordelijkheden, evenals verantwoordelijkheden tegenover onze werknemers, klanten, aandeelhouders en andere belanghebbenden.

POLITIEKE BIJDRAGEN

EXMAR heeft geen bijdragen of betalingen gedaan of op enige andere wijze steun verleend, rechtstreeks of onrechtstreeks, aan politieke partijen of comités of aan individuele politici.

De werknemers van EXMAR mogen geen politieke bijdragen leveren in naam van EXMAR of met behulp van bedrijfsfondsen of -middelen.

4.2 Interne controle- en risicobeheersystemen - beoordeling

Belangrijkste kenmerken van interne controle- en risicobeheersystemen.

Interne controle kan worden gedefinieerd als een door het management ontwikkeld en geïmplementeerd systeem dat bijdraagt aan het beheer van de activiteiten van de Vennootschap, haar efficiënte werking en het efficiënte gebruik van haar middelen, passend bij de doelstellingen, de omvang en de complexiteit van haar activiteiten.

Risicobeheer kan worden omschreven als een gestructureerd, consistent en continu proces gericht op het identificeren, beoordelen, beslissen over reacties op en rapporteren over de kansen en bedreigingen die de realisatie van de doelstellingen van de Vennootschap kunnen beïnvloeden.

De risico's, zoals in meer detail beschreven in het gedeelte 'Risicofactoren' hieronder, zijn allemaal opgenomen in het risicoregister en omvatten de belangrijkste strategische, operationele en financiële risico's voor het de Vennootschap. De Raad van Bestuur, het Audit- en Risicocomité, het Uitvoerend Comité en alle werknemers met leidinggevende verantwoordelijkheden zijn verantwoordelijk voor de beheersing van de risico's. Het Uitvoerend Comité is verantwoordelijk voor dagelijks bestuur en het beleid van de EXMAR Groep. Het Uitvoerend Comité vergadert op regelmatige basis.

Het Uitvoerend Comité ontwikkelt, handhaaft en verbetert voortdurend (met de steun van externe adviseurs) adequate interne controle- en risicobeheerprocedures (i) om een redelijke zekerheid te bieden betreffende de realisatie van doelstellingen, de betrouwbaarheid van de financiële informatie en de naleving van toepasselijke wetten en voorschriften en (ii) om de uitvoering van interne controle- en risicobeheerprocedures mogelijk te maken.

De kwaliteit van de interne controle en het risicobeheer wordt beoordeeld gedurende het boekjaar en door het uitvoeren van interne audits voor de geïdentificeerde potentiële risico's. De conclusies worden gedeeld met en gevalideerd door het Audit- en Risicocomité. Compliance risico's worden beoordeeld door de Key Risk Officers van de Vennootschap, in overeenstemming met het Compliance Model van EXMAR. Zij rapporteren aan het Audit- en Risicocomité. Meer informatie over EXMAR's Compliance Risk Universe en de risicoanalyse is te vinden in het hoofdstuk Governance van het Duurzaamheidsrapport van EXMAR.

EXMAR heeft een interne auditfunctie opgericht met als doel de strategische, operationele en financiële risico's te beoordelen en te analyseren, specifieke opdrachten uit te voeren in overeenstemming met het jaarlijkse interne auditplan en de bevindingen te rapporteren en te bespreken met het Audit- en Risicocomité. De reikwijdte van de interne audit heeft zowel betrekking op de activiteiten als op de interne controle over de financiële verslaglegging. In 2024 werd de interne auditfunctie uitbesteed aan een gekwalificeerde dienstverlener (Ernst & Young (EY)). De interneauditmanager van EY rapporteerde zowel aan de CFO als aan het Audit- en Risicocomité.

RISICOFACTOREN

Strategische risico's

Beschrijving van het risico Potentieel effect Beperkende factoren en controle
MARKTRISICO'S
De algemene olie- en gasmarkten
en de onderling verbonden
wereldwijde transportmarkt voor
deze marktproducten zijn cyclisch
en volatiel.
Een daling van de wereldwijde olie- en
gasproductie zou een invloed kunnen hebben
op de vrachttarieven voor het transport van gas
en zou onze inkomsten en kasstromen kunnen
beïnvloeden, wat een invloed zou hebben op
de waarde van onze vloot en onze financiële
positie. Een dergelijke daling wordt volgens
de meerderheid van de marktanalisten de
komende 5 jaar niet verwacht
Een gediversifieerd klantenbestand en
een aanzienlijke dekking met een mix van
lange- en kortetermijncharters. De waarde
van onze vloot wordt voortdurend bewaakt
en beoordeeld aan de hand van interne
en externe informatie. Onze positie als
langetermijnoperator helpt om plotselinge
veranderingen in vrachttarieven of
productmarktoutput te beperken.
Lagere vraag naar gastankers en
andere drijvende activa.
Een lagere vraag, waarbij alle andere
parameters gelijk blijven, zou een impact
kunnen hebben op de vrachttarieven en het
aantal ongeboekte dagen van onze vloot. Dit
zou een impact hebben op onze activiteiten en
kasstromen, maar ook op de waarde van onze
vloot en onze financiële positie.
Een aanzienlijk deel van onze vloot wordt
gecharterd op middellange tot lange termijn.
Geografische diversificatie en een
kwalitatieve klantenportefeuille en netwerk
door integratie in de markten dankzij
jarenlange ervaring.
Wij zijn een flexibele rederij die streeft naar
structurele kwaliteit en duurzaamheid voor
onze klanten.
Nu gas erkend is als wereldwijde
intermediaire brandstof tegen 2050,
zullen er voortdurend LPG-producten
gegenereerd worden, waardoor de levering
van de relevante producten die wij vervoeren
gewaarborgd blijft.
Een aantal MGC's worden geleased met
de flexibiliteit van koopopties gedurende
het contract: als de marktomstandigheden
fundamenteel zouden veranderen, kunnen
we ervoor kiezen om deze schepen niet
te kopen.

POLITIEK KLIMAAT IN HET BUITENLAND

Verslechtering van de economische, juridische en politieke omstandigheden in landen, waaronder politieke, civiele en militaire conflicten. Dergelijke veranderingen kunnen van tijd tot tijd leiden tot aanvallen op schepen, verstoring van waterwegen, piraterij, terrorisme en andere activiteiten.

Veranderingen in economische, wettelijke of politieke omstandigheden kunnen van invloed zijn op de handelspatronen van LPG en LNG en kunnen gevolgen hebben voor onze vloot en Infrastructure-activa, ons bedrijfsresultaat en ons vermogen om financiering te verkrijgen. Instabiliteit kan leiden tot een verminderde vraag naar onze diensten. Het kan ons ook blootstellen aan verhoogde, bijkomende of onverwachte kosten om te voldoen aan gewijzigde wet- en regelgeving en kan van invloed zijn op onze verzekeringsuitgaven of -polis.

Voortdurende controle en beoordeling van en toezicht op economische, politieke en wettelijke omstandigheden om te anticiperen op mogelijke gevolgen, deze te beperken of te voorkomen. Het verzamelen van informatie van gezaghebbende autoriteiten en/of brancheorganisaties en van gespecialiseerde consultants. Onze verzekeringspolissen worden regelmatig bijgewerkt en omvatten onder andere dekkingen voor bescherming en schadeloosstelling, casco en machines en verlies van inkomsten professionele aansprakelijkheid tegen verzekerde waarden

die geschikt worden geacht om verwachte verliezen te dekken. Het gebruik van adequate chartercontracten met sjablonen voor industriële charters (bijv. BIMCO) beperkt dit risico al grotendeels. Veel van onze klanten zijn olie- en gasbedrijven en gevestigde industrieleiders

met sterke balansen en een sterk ondernemingsbestuur die het politieke risico en mogelijke wanbetaling op charterbetalingen beperken. Strikte due diligence op derde partijen is gericht op het identificeren en vermijden van risico's in verband met politieke, sanctie- en andere compliance-risico's.

Beschrijving van het risico Potentieel effect Beperkende factoren en controle
CONCURRENTIE
Concurrenten die investeren in LPG
tankers, FSRU's of andere drijvende
activa door consolidatie, aankoop
van tweedehands of nieuwe
gebouwen.
Het proces om een charter te verkrijgen is
zeer competitief. Toenemende concurrentie
kan leiden tot grotere prijsconcurrentie voor
tijdchartertarieven en zou de prijs van schepen of
andere drijvende activa kunnen beïnvloeden. Dit
zou een wezenlijk effect kunnen hebben op onze
resultaten en kasstromen en op de waarde van
onze vloot en onze financiële positie.
Het definiëren van een strategie met een
langetermijnvisie en consistent beheer van
voortdurende trends in de sector. Ervaring van
ons management-/charterteam en onze Raad van
Bestuur.
Investeren in verschillende factoren, zoals
de kwaliteit van onze operaties, technische
vaardigheden en reputatie, kwaliteit en ervaring
van onze bemanning en relaties binnen de sector.
Lange termijn reputatie in de markt met een
sterk klantenbestand dat vaak periodieke charters
verlengt dankzij onze ervaring en in-house
scheepsbeheer. De prijs wordt vaak bepaald door
de marktverhoudingen, dus ervaring en kwaliteit
van de aangeboden diensten zijn essentieel.
KAPITAALTOEWIJZING
Inefficiënte kapitaalallocatie
en langetermijnvisie en
-strategie, waardoor de
aandeelhouderswaarde daalt.
Inefficiënte investeringsbeslissingen en/
of een ongeschikte investeringsstrategie
op lange termijn hebben een directe
negatieve impact op de financiële middelen
van de groep (verkrijgen van financiering,
naleving van convenanten) en de algemene
prestaties (inkomsten, EBITDA en bijzondere
waardevermindering).
Het management en de Raad van Bestuur van
EXMAR volgen dit risico op de voet en stellen
regelmatig de langetermijnstrategie in vraag
in het licht van de markt- en bedrijfsevoluties.
De kapitaalinvesteringen zijn gespreid over
verschillende markten, divisies en klanten met
verschillende risicoprofielen.

Operationele risico's

Beschrijving van het risico Potentieel effect Beperkende factoren en controle
RISICO'S VERBONDEN AAN DE EXPLOITATIE VAN SCHEPEN EN ANDERE DRIJVENDE ACTIVA
Milieuongevallen, epidemische
ziekten, werkonderbrekingen door
mechanische defecten, menselijke
fouten, oorlog, terrorisme,
politieke acties in verschillende
landen, stakingen en slecht weer.
Schepen die niet voldoen aan
bepaalde prestatienormen.
Een dergelijke gebeurtenis zou onze reputatie
als betrouwbare rederij schaden en zou leiden
tot hogere kosten en een toename van het
aantal off-hire dagen. De kosten van dringende
reparaties zijn onvoorspelbaarder en kunnen
zeer hoog oplopen. Als de prestatienormen
niet worden gehaald, kan de bevrachter een
deel van de huur inhouden.
Onze ervaring binnen de sector en ons beleid
en ons safety management system (SMS) met
inbegrip van beleid en procedures betreffende
bemanning en opleiding, onderhoud en
HSEQ zouden bepaalde risico's die inherent
zijn aan onze activiteiten moeten beperken
of vermijden. Al onze schepen en activa zijn
onderworpen aan zowel onafhankelijke als
interne audits en inspecties, en zijn voldoende
verzekerd.
PERSONEEL
Gevaarlijke werkomgeving voor
zeevarenden
Werken in een zeer gevaarlijke omgeving kan
leiden tot ongevallen met ernstig persoonlijk
letsel, zoals verloren werkdagen, blijvende
gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid, blijvende
volledige arbeidsongeschiktheid of zelfs
overlijden.
Onze ervaring binnen de sector en ons beleid
en ons safety management system (SMS) met
inbegrip van beleid en procedures betreffende
bemanning en opleiding, onderhoud en
HSEQ zouden bepaalde risico's die inherent
zijn aan onze activiteiten moeten beperken
of vermijden. Al onze schepen en activa zijn
onderworpen aan zowel onafhankelijke als
interne audits en inspecties, en zijn voldoende
verzekerd.
Voldoende huisvesting aan boord
voor onze bemanning en voor
kantoormensen die verhuizen
Het schip is het thuis van een zeevarende voor
een periode van weken of maanden.
En kantoormedewerkers kunnen verhuizen
voor maanden of zelfs jaren.
Voor de leefomstandigheden op
nieuwbouwschepen die EXMAR ontwerpt
en bestelt, overtreffen we de vereisten
van het Maritieme Arbeidsverdrag (MLC).
Ons engagement reikt verder dan de
naleving van het verdrag: we betrekken
(voormalig) zeevarend personeel bij het
ontwerp en geven prioriteit aan het welzijn
en comfort van onze bemanning met
verbeterde huisvestingsnormen op zee
(duurzaamheidsbeleid).
Kantoorpersoneel begeleiden we bij de
integratie in het lokale land.
HOGERE BEDRIJFSKOSTEN
Bedrijfskosten en
onderhoudskosten vormen een
substantieel deel van onze kosten.
De bedrijfskosten en kapitaaluitgaven voor
droogdokken zijn afhankelijk van verschillende
factoren waarop wij geen invloed hebben en
die de hele scheepvaartsector beïnvloeden.
Het droogdokken van schepen kan ook leiden
tot inkomstenverlies.
Inhouse scheepsbeheer voor het grootste
deel van de vloot en nauwkeurige supervisie
van door derde partijen beheerde activa
geven een voldoende niveau van controle.
Ons onderhoudsbeleid wordt dagelijks
bijgewerkt en verbeterd met als doel de
hoogste kwaliteitsniveaus te handhaven, en de
activa zijn onderworpen aan zowel interne als
onafhankelijke externe inspecties conform of
meer dan conform toepasselijke regelgeving.
Bij langetermijn- en infrastructuurprojecten
wordt het risico ook beperkt door escalerende
tarieven of zelfs openboekcompensatie.

Beschrijving van het risico Potentieel effect Beperkende factoren en controle

LEEFTIJDSPROFIEL VAN DE VLOOT

Naarmate een schip ouder wordt, worden de klassevereisten strenger en in vergelijking met nieuwe moderne schepen zal het schip minder concurrerend en duurder zijn om te exploiteren. Leeftijdsbeperkingen kunnen de inzetmogelijkheden van schepen in bepaalde havens beperken.

We moeten aanzienlijke investeringen doen om de operationele capaciteit van onze vloot op peil te houden. Deze uitgaven kunnen aanzienlijk variëren en kunnen toenemen als gevolg van eisen van klanten, concurrerende normen en voorschriften of normen van organisaties.

De gemiddelde leeftijd van onze vloot wordt in de gaten gehouden en onze strategie omvat regelmatige investeringen in nieuwe schepen om onze vloot concurrerend te houden. Onze interne scheepsmanager en commercieel team hebben vele jaren ervaring om de operationele en commerciële prestaties te beoordelen. Al onze schepen zijn gecertificeerd door een classificatiebureau, wat ook een vereiste is voor verzekeringsdekking. Onze vloot wordt dagelijks op zee of in de haven geïnspecteerd. Op basis van deze inspecties wordt voor elk schip een onderhoudsplan opgesteld, bijgewerkt en geïmplementeerd. Vooral in gasmarkten zijn veiligheid en betrouwbare operaties van groot belang, zodat onze klanten (olie- en gasmaatschappijen) eisen dat we schepen in topconditie aanbieden. Het risico van leeftijdsbeperkingen in havens wordt beperkt door strenge voorwaarden in de bevrachtingsovereenkomsten en door de bevrachters inzetbeperkingen op te leggen. Vaak zijn oudere schepen goedkoper op het vlak van vrachten en worden ze ingezet in nichemarkten met minder strenge leeftijdsbeperkingen.

Er worden voorschotten betaald aan de scheepswerven en deze betalingen worden gewaarborgd door terugbetalingsgaranties en dus door sterke banken. De voortgang van de bouw en de naleving van alle technische en regelgevende specificaties wordt nauwlettend in de gaten gehouden door onze technische teams op de werven. Chartercontracten die gekoppeld zijn aan investeringen in nieuwbouw worden vaak back-to-back afgesloten, wat betekent dat het risico van een te late oplevering van een schip wordt gedekt door bijvoorbeeld

passende laycan bepalingen.

ACTIVA IN AANBOUW

Specifieke risico's zijn van toepassing op onze activa in aanbouw en omvatten de solvabiliteit van onze aannemer en de tijdige oplevering van het actief in overeenstemming met alle specificaties en het verkrijgen van alle vereiste vergunningen.

Als de scheepswerf er niet in slaagt om onze activa in aanbouw te bouwen of op te leveren of als de scheepswerf failliet gaat, zou dit een aanzienlijke invloed hebben op onze financiële positie en onze resultaten. In het geval dat de scheepswerf niet presteert en wij niet in staat zijn om de restitutiegarantie af te dwingen, zouden wij onze investering geheel of gedeeltelijk kunnen verliezen. Bovendien is het mogelijk dat we onze

verplichtingen tegenover de bevrachter niet nakomen.

TEWERKSTELLING

Schepen of andere drijvende activa blijven voor een aanzienlijke periode buiten de verhuur of charters worden niet verlengd of voortijdig beëindigd.

Als we geen winstgevende

bevrachtingsovereenkomsten op lange termijn kunnen afsluiten voor onze bestaande vloot of onze activa in aanbouw, kunnen ons resultaat, onze kasstromen en onze financiële positie aanzienlijk worden beïnvloed.

We zouden afhankelijk zijn van een kortetermijn- of spotmarkt of charters op basis van veranderende marktprijzen. Daarnaast zou het moeilijker kunnen zijn om tegen redelijke voorwaarden financiering te krijgen voor dergelijke activa.

Als onze belangrijkste activa niet langdurig in dienst zijn, kunnen onze EBITDA en convenanten aanzienlijk worden beïnvloed.

Ons managementteam en ons commerciële team hebben vele jaren ervaring en beschikken over een uitgebreid netwerk in de markt. Onze charterportefeuille is zeer gediversifieerd. De commerciële strategie is om flexibel te blijven in de markt door een goede balans te hebben tussen bevrachtingsovereenkomsten op korte en op lange termijn.

Een aanzienlijke vloot, vooral Midsize (MGC LPG-tankers), heeft dit risico bijna volledig kunnen beperken.

Voor de Infrastructuuractiva worden goede beëindigingsclausules onderhandeld en opgenomen in bevrachtingsovereenkomsten op lange termijn, zodat de juridische en commerciële teams in geval van vroegtijdige beëindiging voldoende tijd hebben om een nieuwe bevrachter te vinden tegen fatsoenlijke tarieven.

Beschrijving van het risico Potentieel effect Beperkende factoren en controle
REGELGEVING
Er kan nieuwe regelgeving van
kracht worden, inclusief:
- het risico op een
terugdraaien van bestaande
gunstige belastingregimes
(zoals het Belgische
tonnagebelastingregime).
- - Wijzigingen in bestaande
regelgeving (zowel milieu
als ESG) leggen bijkomende
vormen van belasting op zoals
emissiehandelsystemen (ETS),
koolstofbelasting of Fuel EU
Maritime boetes.
Veranderingen in de regelgeving leiden tot
hogere uitgaven om aan nieuwe of veranderde
(strengere) vereisten te voldoen en kunnen een
negatieve impact hebben op ons vermogen
om onze schepen of drijvende activa uit te
charteren.
Naleving van veranderde wet- en regelgeving
en verplichtingen verhoogt onze kosten
voor de operatie en het onderhoud van
onze schepen en verplichten ons om
nieuwe emissiecontroles te installeren en
emissierechten te verwerven.
Voortdurend monitoren van en anticiperen op
veranderingen in wetgeving en toepasselijke
vereisten. Onze interne scheepsmanager
en ons volgen de huidige trends en
veranderingen in de regelgeving op de voet.
Bovendien geven wij input via verschillende
organisatie (bv. de KBRV).
Investeren in nieuwbouwschepen
aangedreven door alternatieve brandstoffen
plaatst de Vennootschap in een goede
uitgangspositie om te profiteren van
veranderingen in milieureglementering.
Regelgeving heeft vaak een lange
implementatietijd, zodat we ruim de
tijd hebben om hierop te anticiperen en
aanpassingen door te voeren aan onze
bevrachtingsovereenkomsten. Waar mogelijk
worden boetes betreffende regelgeving
doorgeschoven naar de bevrachters waardoor
het risico voor de scheepseigenaar wordt
beperkt.
KLIMAATVERANDERING
Uitstoot van broeikasgassen door
eigen activiteiten (Scope 1-2).
De verdeling van de scope 1-2 broeikasgassen
is te zien in het duurzaamheidsrapport.
Zoals beschreven in het
duurzaamheidsrapport, vertegenwoordigt dit
slechts een klein deel (<1%) van onze totale
uitstoot van broeikasgassen. Voor verdere
acties, zie hierboven.
Indirecte bijdrage aan
broeikasgasemissies (Scope 3)
Beleggingsportefeuille: schepen varen op
fossiele brandstoffen en Infrastructure
eenheden gebruiken fossiele brandstoffen
en/of walstroom, wat leidt tot de uitstoot van
broeikasgassen.
Bovendien hebben we een indirect effect
door het vervoer van koolwaterstoffen
(incl. schaliegassen) en ammoniak. Het
winningsproces van deze gassen leidt tot veel
uitstoot van broeikasgassen.
Zoals beschreven in het
duurzaamheidsrapport, heeft dit betrekking
op een aanzienlijk deel van onze totale uitstoot
van broeikasgassen. Voor verdere acties, zie
hierboven.
Uitstoot van broeikasgassen door
onze leveranciers (Scope 3)
Productie van reserveonderdelen, transport,
productie van brandstoffen, zakenreizen,
woon-werkverkeer met het openbaar vervoer,
enz. die broeikasgassen uitstoten
Zoals beschreven in het
duurzaamheidsrapport, maakt dit deel uit
van onze scope 3 emissies. Voor verdere acties
verwijzen we naar de details in het verslag.
INFORMATIETECHNOLOGIESYSTEMEN
Informatietechnologiesystemen
veranderen snel en zijn van
fundamenteel belang voor de
dagelijkse activiteiten.
Het falen van belangrijke
informatietechnologiesystemen of -processen
kan een nadelige invloed hebben op de
activiteiten of leiden tot gegevensinbreuken.
Cyberaanvallen, ransomware of andere
inbreuken op de beveiliging kunnen
informatietechnologiesystemen onbeschikbaar
maken, onze scheepsactiviteiten onderbreken
en leiden tot verlies van huur.
Een speciaal IT-team houdt voortdurend
toezicht op de veranderingen en
blootstellingen op het gebied van
informatietechnologie. Er zijn verschillende
maatregelen genomen, zoals firewalls,
antivirussoftware en gescheiden netwerken.
Er wordt regelmatig een risicobeoordeling
van de informatietechnologie uitgevoerd.
Er zijn beleidsregels en procedures
aanwezig, waaronder een rampherstelplan,
een incidentresponsplan en een
bedrijfscontinuïteitsplan.

Beschrijving van het risico Potentieel effect Beperkende factoren en controle

SNELLE TECHNOLOGISCHE INNOVATIE IN SCHEEPSONTWERP EN -UITRUSTING

Specifieke risico's gelden voor onze activa dat ontwerpen/ apparatuur verouderd raken door technische/technologische vooruitgang en innovatie.

Activa raken verouderd of niet meer concurrerend met het oog op de marktpraktijk en veranderende standaarden.

EXMAR heeft een sterke positie als innovator en is er altijd in geslaagd om nieuwe ontwerpen/scheepsgroottes op de markt te brengen en wordt beschouwd als pionier in zowel scheepvaartactiviteiten als vlottende oplossingen. Onze wortels in de scheepsbouw, een sterke technische expertise en een aparte technische desk met veel ingenieurs (Houston, Parijs en Antwerpen) die ontwerpen van activa maken/verbeteren, zorgen ervoor dat we de beste/eerste van de klas kunnen blijven en ons streven naar innovatie en de toepassing van hoge normen alleen maar versterken, rekening houdend met toekomstige veranderingen in de energiemarkten.

UITBRAAK VAN EEN PANDEMISCHE ZIEKTE

Onze zeevarenden en de voorraden zijn cruciaal voor onze operaties, een uitbraak van een pandemisch virus (zoals de recente covid 19 pandemie) of besmettelijke ziekte kan de operaties bemoeilijken.

Een uitbraak van een pandemisch virus in een regio of op wereldwijde schaal zou van invloed zijn op onze activiteiten. Lokale of internationale maatregelen, zoals reisverboden, beperkte of geen toegang tot havens of quarantainemaatregelen na een dergelijke uitbraak, kunnen de bevoorrading van onze drijvende activa bemoeilijken en het inschepen bemoeilijken of zelfs de mogelijkheid voor zeelieden om in te schepen opschorten. Dergelijke gebeurtenissen kunnen ertoe leiden dat het bedrijfsmiddel niet wordt verhuurd en dat het bedrijfsmiddel of een deel van onze vloot inkomsten misloopt.

Er zijn specifieke en strikte beleidsregels en procedures voor een geïsoleerde uitbraak aan boord van een bedrijfsmiddel en onze mensen zijn specifiek opgeleid om met een dergelijke gebeurtenis om te gaan. Gebeurtenissen en risico's worden voortdurend in de gaten gehouden door onze operationele teams die ook deelnemen aan lokale en internationale verenigingen en brancheorganisaties om zich aan te passen aan veranderingen in vereisten, lopende richtlijnen en maatregelen. Onze activiteiten zijn zeer gedivers ifieerd en onze middelen worden wereldwijd ingezet. Onze zeevarenden worden ook wereldwijd ingezet en zijn niet afhankelijk van één nationaliteit of een specifieke regio. De planning van onze zeevarenden is flexibel en contracten kunnen worden verlengd als vervanging niet onmiddellijk mogelijk of beschikbaar is. Er is een bedrijfscontinuïteitsplan beschikbaar om op dergelijke gebeurtenissen te reageren en de maatregelen voorzien in de mogelijkheid om al onze teams aan wal op afstand of zelfs geïsoleerd te laten werken. In het geval dat de activiteiten moeten worden stopgezet, bevatten sommige van onze commerciële overeenkomsten clausules over overmacht en in het geval van een off-hire gebeurtenis die een bepaald aantal dagen overschrijdt, dekken onze verzekeringspolissen tijdelijk het verlies van inkomsten.

Financiële risico's

Beschrijving van het risico Potentieel effect Beperkende factoren en controle
TEGENPARTIJRISICO'S
Afhankelijkheid van een beperkt
aantal klanten, wij ontvangen
een aanzienlijk deel van onze
inkomsten van een beperkt aantal
klanten.
Verslechtering van de financiële
levensvatbaarheid van een van onze
belangrijke klanten zou leiden tot een
aanzienlijk verlies van inkomsten en
kasstromen.
Verplichtingen van klanten onder
bevrachtingsovereenkomsten op lange termijn
kunnen gedekt worden door garanties of
andere zekerheden. De meeste van onze
belangrijke klanten zijn al vele jaren klant van
EXMAR en hebben een bewezen financiële
staat van dienst. Ons managementteam
heeft de nodige ervaring en weet hoe het de
activiteiten en financiële levensvatbaarheid
van onze klanten moet beoordelen.
Verplichtingen van klanten in het kader van
bevrachtingsovereenkomsten op lange termijn
kunnen worden gedekt door garanties of
andere zekerheden.
Bovendien worden voor de infrastructuurvloot
de juiste opzegclausules onderhandeld en
opgenomen in bevrachtingsovereenkomsten
op lange termijn, zodat in geval van
vroegtijdige beëindiging de juridische en
commerciële teams van EXMAR voldoende tijd
hebben om een nieuwe bevrachter te vinden
tegen fatsoenlijke tarieven.
Bevrachters kunnen in gebreke
blijven of failliet gaan.
Het verlies van een klant zou een
impact hebben op onze inkomsten en
kasstromen. De kosten om het schip te
moeten verhuren kunnen hoog zijn en de
marktomstandigheden kunnen ongunstig zijn.
Ons klantenbestand is gediversifieerd en
bestaat uit grote bedrijven die actief zijn in de
olie-, gas- en ammoniakmarkt. Voor nieuwe
klanten worden uitgebreide kredietcontroles
uitgevoerd en aanvullende zekerheden of
garanties gevraagd indien nodig.
Huurgelden onder een
bevrachtingsovereenkomst zijn in de meeste
gevallen vooraf te betalen, aangezien
periodecontracten de meest gebruikte vorm
van contract zijn.
Afhankelijkheid van externe
dienstverleners.
Het is mogelijk dat de externe dienstverleners
die het bedrijf heeft geselecteerd geen
serviceniveau bieden dat vergelijkbaar is
met dat van het bedrijf als het dergelijke
diensten rechtstreeks zou verlenen. Het bedrijf
vertrouwt op zijn externe dienstverleners om
de toepasselijke wetgeving na te leven, en
als deze dienstverleners de wetgeving niet
naleven, kan het bedrijf aansprakelijk worden
gesteld of kan zijn reputatie worden geschaad,
wat een wezenlijk nadelig effect kan hebben
op de reputatie en de activiteiten van het
bedrijf.
Contractuele overeenkomsten tussen
alle betrokken partijen om de risico's te
identificeren en te beperken worden in plaats
gezet.
Op periodieke basis worden gedetailleerde
leveranciersevaluaties uitgevoerd (inclusief
externe dienstverleners).
Dergelijke externe dienstverleners worden
beheerd door speciale Exmar teams om hun
prestaties te controleren en te evalueren.
Risico's in verband met de joint
ventures en geassocieerde
deelnemingen kunnen een
negatieve invloed hebben op
de activiteiten, het bedrijf en
de bedrijfsresultaten van de
Vennootschap
Het is mogelijk dat de standpunten van de
andere partner(s) niet overeenstemmen
met de standpunten van EXMAR, waardoor
een specifieke behandeling van de risico's
kan worden beperkt of zelfs verhinderd. De
verschillende benaderingen van deze risico's
kunnen leiden tot andere gevolgen dan die
welke EXMAR zou opgelopen hebben of had
willen oplopen, wat een nadelige invloed kan
hebben op de activiteiten, de activiteiten en de
bedrijfsresultaten van EXMAR.
Niet-afstemming over operationele,
financiële of commerciële kwesties kan de
samenwerking op lange termijn met onze
joint venture en geassocieerde partners
beïnvloeden.
EXMAR levert algemene, boekhoudkundige,
bedrijfs-, werftoezicht- en
scheepsbeheerdiensten aan haar joint
ventures en geassocieerde ondernemingen.
Voor deze diensten worden vergoedingen
aangerekend op basis van contractuele
overeenkomsten tussen alle betrokken
partijen.
EXMAR is ook verantwoordelijk voor het
commercieel beheer van de schepen in joint
venture met zijn partners en controleert
bijgevolg de commerciële risico's en de risico's
op tegenpartijen.
Bovendien heeft EXMAR een langdurige relatie
met zijn belangrijkste joint venture partner,
Seapeak.
Beschrijving van het risico Potentieel effect Beperkende factoren en controle
FINANCIERING
EXMAR is onderworpen
aan beperkingen op
kredietovereenkomsten, zoals
financiële convenanten en
beperkingen voor EXMAR en
zijn dochterondernemingen om
verdere schulden aan te gaan,
dividenden uit te keren, bepaalde
investeringen te doen en een deel
van zijn activiteiten te verkopen
zonder de toestemming van zijn
kredietverstrekkers.
De bestaande financieringsovereenkomsten
voor onze vloot zijn gedekt door de schepen en
de garanties van de moedermaatschappij en
bevatten beperkingen en andere voorwaarden
die onze bedrijfs- en financieringsactiviteiten
kunnen beperken. Iedere wanbetaling kan
leiden tot een versnelling van de vervaldatum
en kredietverstrekkers kunnen een beroep
doen op de garanties van deze faciliteiten.
Onze kasstromen en financiële
positie, inclusief de vereisten onder
de financieringsovereenkomsten,
worden voortdurend bewaakt. Onze
financieringsstrategie is gericht op
diversificatie van financieringsbronnen en
spreiding van vervaldata.
Er wordt een dialoog onderhouden met
verschillende investeerders en financiële
partners om een langetermijnrelatie op te
bouwen.
Op 31 december 2024 werden alle van
toepassing zijnde financiële convenanten
onder de financieringsovereenkomsten
nageleefd.
Financiering die verkregen moet
worden voor activa in aanbouw,
operationele activa en bestaande
financieringsovereenkomsten die
geherfinancierd moeten worden
op de vervaldatum.
De onmogelijkheid om onze activa in aanbouw
en onze bestaande vloot te financieren
of te herfinancieren zou een aanzienlijke
invloed hebben op onze financiële positie.
De financieringsmogelijkheden en -kosten
kunnen volatiel zijn en afhankelijk van de
algemene economische omstandigheden.
Financiering is inherent aan onze activiteiten
en investeringen. Dankzij zijn langdurige
aanwezigheid en reputatie heeft EXMAR een
sterke concurrentiepositie op de markt.
Ons managementteam heeft talrijke
contacten en ondersteuning van verschillende
financieringspartners en heeft jarenlange
ervaring in het verkrijgen van financiering
voor een verscheidenheid aan activiteiten en
investeringen.
In de scheepvaart zijn er vaak verschillende
kandidaten bereid om lange-termijn
financiering van onze activa aan te bieden.
RENTE EN WISSELKOERSEN
Een aanzienlijk deel van onze
financieringsovereenkomsten
heeft een variabele rentevoet. Het
merendeel van onze activiteiten
gebeurt in USD, maar bepaalde
bedrijfskosten worden uitgedrukt
in andere munteenheden
(voornamelijk EUR).
Een stijging van de rentetarieven op de
internationale financiële markten zou een
negatief effect hebben op onze resultaten en
kasstromen en zou een negatief effect kunnen
hebben op de reële waarde van financiële
instrumenten die worden gebruikt om het
renterisico af te dekken.
Een verzwakking van de USD ten opzichte
van de EUR zou onze resultaten negatief
beïnvloeden.
Het renterisico en het valutarisico worden
actief beheerd en er worden verschillende
instrumenten gebruikt om een passend
deel van het risico af te dekken (bijv. IRS
contracten). Schommelingen in de reële
waarde van afdekkingsinstrumenten
vertegenwoordigen een niet-gerealiseerde
non-cash post.

Extra contante garanties kunnen nodig zijn.

IMPAIRMENT

Negatieve schommelingen in de reële marktwaarde van onze vloot en andere vlottende activa.

Een aanzienlijke daling van de reële waarde van onze vloot kan leiden tot een bijzonder waardeverminderingsverlies en zou een aanzienlijke impact hebben op onze financiële positie en resultaat. De verhouding tussen de reële waarde van onze vloot en de uitstaande schuld is een financieel convenant in onze financieringsovereenkomsten. Onze activiteiten hebben de neiging cyclisch te zijn, wat resulteert in veranderingen in de totale reële waarde van de vloot op korte termijn. Een significante daling kan leiden tot het in gebreke blijven onder dergelijke overeenkomsten.

De waarde van onze vloot wordt voortdurend bewaakt met behulp van interne en externe informatie en ten minste op elke rapportagedatum wordt onze vloot getoetst op bijzondere waardevermindering. Het testen gebeurt door de boekwaarde van onze vloot te vergelijken met taxaties van onafhankelijke scheepsmakelaars en met de netto contante waarde van de verwachte operationele kasstromen. De operationele kasstromen zijn gebaseerd op interne informatie en op elke aanname wordt een gevoeligheidsanalyse uitgevoerd.

Op basis van de uitgevoerde tests per 31 december 2024 is geconcludeerd dat de boekwaarde van onze vloot realiseerbaar is en dat aan alle financiële voorwaarden onder onze financieringsovereenkomsten wordt voldaan.

Beschrijving van het risico Potentieel effect Beperkende factoren en controle
LIQUIDITEITSRISICO
Financiële verplichtingen en
werkkapitaalvereisten kunnen
variëren afhankelijk van een aantal
factoren.
Onze kasstroom-genererende activiteiten
kunnen cyclisch/volatiel zijn en afhankelijk
van marktomstandigheden, terwijl onze
uitgaande kasstromen betrekking kunnen
hebben op bedrijfs-, investerings- of
financieringsactiviteiten. Het niet nakomen
van onze financiële verplichtingen kan
materiële gevolgen hebben voor onze
activiteiten en kan leiden tot het in gebreke
blijven onder bepaalde overeenkomsten.
Liquiditeit wordt continu beheerd om ervoor te
zorgen dat er voldoende middelen beschikbaar
zijn om aan onze financiële verplichtingen
te voldoen wanneer deze verschuldigd zijn,
zowel onder normale als onder moeilijke
omstandigheden. Op basis van onze bekende
contractuele rechten en verplichtingen
en gebruikmakend van schattingen of
veronderstellingen indien nodig, wordt een
maandelijkse kasstroomprognose opgesteld
en opgevolgd per segment en voor ten minste
de volgende 12 maanden.
Onze bronnen van bedrijfsinkomsten en onze
financieringsbronnen zijn gediversifieerd.
Betalingen met betrekking tot
investeringsactiviteiten en onze vervaldagen
van bank- en andere leningen zijn ook
gespreid over verschillende jaren.
MILIEURISICO
Investering in technologieën
voor energietransitie
De energietransitie is aan de gang en
verschuift van olie en gas naar meer
elektrificatie, de inzet van duurzame energie,
distributie- en opslaginfrastructuur en de
toepassing van opkomende koolstofarme
technologieën zoals biogas, groene waterstof
en ammoniak. Dit leidt tot investeringen in
schepen die varen op alternatieve brandstoffen
(LPG of ammoniak) of schepen en
infrastructuureenheden die gebruik kunnen
maken van walstroom.
De scheepvaart is een sterk CAPEX
gedreven industrie met activa die
profiteren van een lange levenscyclus,
die dienovereenkomstig kan worden
afgeschreven.
Gezien de goed gebalanceerde
portefeuille in leeftijd vinden er
regelmatig vervangingsinvesteringen
plaats, die resulteren in de toepassing
van nieuwe en klimaatvriendelijke
technologieën.
SOCIAAL RISICO
Hogere arbeidskosten en minder
flexibiliteit
Onderhandelde loonsverhogingen, verbeterde
secundaire arbeidsvoorwaarden en kortere
werktijden kunnen de arbeidskosten van
het bedrijf direct verhogen. Collectieve
arbeidsovereenkomsten kunnen de flexibiliteit
van het management beperken op gebieden
zoals planning, werkopdrachten of ontslagen
tijdens economische recessies.
Er is een voortdurende open dialoog
met alle betrokken partijen om het
risico van financiële ongeplande sociale
gebeurtenissen te beperken, zowel aan
wal als aan boord van onze schepen en
infrastructuureenheden.

Het Remuneratieverslag beschrijft de toepassing van de principes die EXMAR hanteert voor de remuneratie van zijn bestuurders en leden van zijn Uitvoerend Comité. Het werd opgesteld in overeenstemming met de bepalingen van de wetgeving die op 28 april 2020 werd aangenomen door het Belgische Parlement en op 6 mei 2020 werd gepubliceerd voor de uitvoering van de Tweede Richtlijn Aandeelhoudersrechten (SRDII), het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV) en de Belgische Corporate Governance Code 2020 (Code 2020).

Beschrijving van de procedures om het remuneratiebeleid te ontwikkelen en om de remuneratie van individuele bestuurders en leden van het Uitvoerend Comité vast te stellen

Het remuneratiebeleid wordt vastgesteld door de Raad van Bestuur, op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité, waarvan de rol en verantwoordelijkheden worden beschreven in het Corporate Governance Charter van EXMAR. Het beleid, afgestemd op de nieuwe bepalingen van de SRDII, WVV en Code 2020, werd goedgekeurd door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 18 mei 2021. Een gewijzigd beleid werd goedgekeurd door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 17 mei 2022.

EXMAR streeft naar een remuneratie waarmee het gekwalificeerde professionals voor de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Comité die nodig zijn om de operationele en strategische doelstellingen van de vennootschap te verwezenlijken en duurzame waardecreatie op lange termijn te bevorderen aantrekt, motiveert, beloont en behoudt.

EXMAR tracht ervoor te zorgen dat de leden van de Raad van Bestuur en van het Uitvoerend Comité niet handelen in hun eigen belang en/of geen risico's nemen die niet passen in de strategie en het risicoprofiel van de Vennootschap.

Remuneratie van de niet-uitvoerende bestuurders

De remuneratie van de niet-uitvoerende bestuurders wordt vastgesteld door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op voorstel van de Raad van Bestuur. Dit voorstel is gebaseerd op de aanbevelingen van het Benoemings- en Remuneratiecomité.

De remuneratie van de niet-uitvoerende bestuurders houdt rekening met hun verantwoordelijkheden, hun rol als lid van de Raad van Bestuur, de werklast en specifieke functies zoals voorzitter van de Raad van Bestuur of voorzitter of leden van comités van de Raad van Bestuur.

Alle niet-uitvoerende bestuurders ontvangen een jaarlijkse vaste vergoeding van 50.000 EUR. Er worden geen zitpenningen betaald. Leden van het Audit- en Risicocomité en/of het Benoemingsen Remuneratiecomité ontvangen een bijkomende vaste vergoeding van EUR 10.000. De jaarlijkse vergoedingen zijn pro rata het tijdens het kalenderjaar als actief lid van de Raad van Bestuur of van een comité gediende maanden.

Wegens hun rol en verantwoordelijkheden is de jaarlijkse vaste vergoeding voor de voorzitter van de Raad van Bestuur en de voorzitter van elk van de Comités gelijk aan het dubbele van de vergoeding van de andere leden van de Raad van Bestuur of de Comités, met uitzondering van het Benoemingsen Remuneratiecomité. De Vennootschap sluit gebruikelijke verzekeringspolissen af voor de activiteiten van de Raad van Bestuur bij de uitoefening van zijn taken op groepsniveau.

De niet-uitvoerende bestuurders ontvangen geen op prestaties gebaseerde remuneratie, noch voordelen in natura of voordelen in verband met pensioenplannen.

In afwijking van bepaling 7.6 van de Code 2020 ontvangen de niet-uitvoerende bestuurders geen deel van hun remuneratie in de vorm van aandelen van de Vennootschap. EXMAR is van mening dat de toekenning van remuneratie (geheel of gedeeltelijk) onder de vorm van aandelen er niet noodzakelijk toe bijdraagt dat de bestuurders uit een perspectief

van aandeelhouderswaarde op lange termijn en het risicoprofiel van de Vennootschap zouden handelen. De Vennootschap zal dit op geregelde tijdstippen opnieuw bekijken.

De Algemene Vergadering van Aandeelhouders benoemt de bestuurders en keurt de duur van hun mandaat voor een maximale termijn van 3 jaar goed. De bestuurders kunnen geen aanspraak maken op opzegtermijnen of ontslagvergoedingen wegens de beëindiging van hun mandaat. Zij kunnen op elk ogenblik door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders worden ontslagen.

Remuneratie van de uitvoerende bestuurders

De uitvoerende bestuurders van EXMAR die lid zijn van het Uitvoerend Comité worden uitsluitend vergoed in hun uitvoerende hoedanigheid en niet in hun hoedanigheid van bestuurder/lid van de Raad van Bestuur. Dit geldt ook voor bestuursmandaten van dochterondernemingen. Indien uitvoerende bestuurders worden vergoed voor hun rol in dochterondernemingen, maakt deze vergoeding deel uit van hun overeengekomen totaalpakket.

Overzicht van de remuneratie van de leden van de Raad van Bestuur voor 2024 in EUR

Vaste
Remuneratie
Audit- en
Risicocomité
Remuneratie
Benoemings- en
Remuneratie
comité
Remuneratie
Totaal
Nicolas Saverys Uitvoerend
voorzitter
100.000 - - 100.000
Carl-Antoine Saverys Uitvoerend
bestuurder
- - - 0
FMO BV
(Francis Mottrie)
Uitvoerend
bestuurder
- - - 0
ACACIA I BV
(Els Verbraecken)
Niet-uitvoerend
bestuurder
50.000 10.000 10.000 70.000
Maryam Ayati Niet-uitvoerend
bestuurder
50.000 - - 50.000
Michel Delbaere Niet-uitvoerend
bestuurder
50.000 - 10.000 60.000
Isabelle Vleurinck Niet-uitvoerend
bestuurder
50.000 10.000 10.000 70.000
Wouter De Geest Niet-uitvoerend
bestuurder
50.000 10.000 - 60.000
Baron Philippe Vlerick Niet-uitvoerend
bestuurder
50.000 20.000 - 70.000
Stephanie Saverys Niet-uitvoerend
bestuurder
50.000 - - 50.000
Totaal 450.000 50.000 30.000 530.000

Remuneratie van de leden van het Uitvoerend Comité en Nicolas Saverys (SAVEREX NV)

In lijn met de totale beloningsprincipes van EXMAR, zijn de vorm en het niveau van de remuneratie van de leden van het Uitvoerend Comité afgestemd op de prestaties van de Vennootschap en de individuele vaardigheden en prestaties. Het remuneratiepakket bestaat uit drie hoofdelementen:

  • de vaste jaarlijkse remuneratie
  • de variabele remuneratie op korte termijn (STI of KTI korte-termijnincentive of short term incentive)
  • de variabele langetermijnremuneratie (LTI long term incentive)

Het niveau en de structuur van de vergoedingspakketten liggen in lijn met de marktpraktijken voor soortgelijke functies bij vergelijkbare ondernemingen

Overzicht van de remuneratie voor 2024 in EUR

Naam
Vennootschap
Vaste
Remune
ratie
KTI (korte
termijn
incentive)
Discre
tionaire
bonus
LTI
(lange
termijn
incentive)
Pensioen
voordeel
Andere
verzekerin
gen
Andere
voordelen
Totaal
UITVOEREND VOORZITTER
Nicolas 1.200.000 2.200.000 3.400.000
Saverys
Executive
Chairman
SAVEREX NV 35% 65% 100%
CEO
Carl 350.000 80.500 19.500 450.000
Antoine
Saverys
CEO
CASAVER
BV
78% 18% 4% 100%
ANDERE LEDEN VAN HET UITVOEREND COMITÉ
Hadrien 250.000 47.500 52.500 350.000
Bown
CFO
HAX BV 71% 14% 15% 100%
Francis 575.000 92.000 8.000 675.000
Mottrie
COO
FMO BV 85% 14% 1% 100%
Jens Ismar LISANN 575.040 92.000 8.000 675.040
Executive
Director
Shipping
AS (Noor
wegen)
85% 14% 1% 100%
Jonathan 325.000 52.000 48.000 425.000
Raes
Executive
Director
Infrastruc
ture
FLX Consul
tancy BV
76% 12% 11% 100%

Vaste jaarlijkse remuneratie

De vaste jaarlijkse remuneratie omvat een vaste jaarlijkse basisvergoeding die rekening houdt met de verantwoordelijkheden, vaardigheden, ervaring en prestaties van het lid van het Uitvoerend Comité. Andere voordelen, zoals medische zorg, een ziekteverzekering, een overlijdens- en invaliditeitsdekking en andere voordelen, worden volgens de marktpraktijken verstrekt aan de leden van het Uitvoerend Comité met het statuut van zelfstandige of werknemer.

De vaste jaarlijkse remuneratie wordt jaarlijks herzien en kan worden verhoogd of verlaagd op grond van verschillende factoren, zoals verandering van de scope en verantwoordelijkheden, of vergelijkbare remuneratie in andere ondernemingen.

Het totaalpakket voor uitvoerende functies met een zelfstandigenstatuut weerspiegelt de totale kosten voor de Vennootschap, waarbij de persoon zelf verantwoordelijk is voor de betaling van de hun eigen belastingen en sociale bijdragen.

Variabele remuneratie op korte termijn (STI)

De variabele remuneratie op korte termijn is een nietuitgestelde cash incentive gebaseerd op het behalen van specifieke individuele prestatiedoelstellingen (voor 25%) en prestatiedoelstellingen van de Vennootschap (voor 75%), financiële doelstellingen (zoals REBIT, REBITDA, netto-inkomen, ...) en/of niet-financiële doelstellingen voor een referentieperiode van één jaar. Elk van de criteria wordt ontwikkeld en gekalibreerd op jaarbasis in lijn met de bedrijfsstrategie, het budget en de doelstellingen, met duidelijke prestatie-indicatoren. Prestaties boven de doelstelling (100%) resulteren in een variabele remuneratie op korte termijn. De maximale KTI is beperkt tot 30% van de vaste jaarlijkse remuneratie voor de CEO en 25% voor de andere leden van het Uitvoerend Comité. In geval van een belangrijke milieukwestie of indien het nettoresultaat van de Vennootschap negatief is, worden alle STI bedragen gereduceerd tot nul (gateway to STI). De betaling van de STI is afhankelijk van de tewerkstelling tot aan de betaaldatum.

Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité kan de Raad van Bestuur een eventuele discretionaire STI goedkeuren voor één of meerdere uitvoerende bestuurders of managers in geval van buitengewone omstandigheden of buitengewone prestaties, bovenop de niveaus vermeld in de vorige paragraaf. De Raad van Bestuur heeft een dergelijke discretionaire STI toegekend aan de leden van het Uitvoerend Comité en aan Saverex NV. In afwijking van bepaling 7.10 van de Code 2020 zijn voor deze discretionaire STI geen maxima vastgesteld. De Raad van Bestuur heeft, gezien de buitengewone omstandigheden en prestaties van de leden van het uitvoerend management, besloten om bij de toekenning van de discretionaire STI geen bovengrens vast te stellen.

Variabele remuneratie op lange termijn

In 2024 werd geen variabele remuneratie op lange termijn toegekend.

Minimumdrempel van aandelen die aangehouden moeten worden door de leden van het Uitvoerend Comité

In afwijking van bepaling 7.9 van de Code 2020 stelt de Raad van Bestuur geen expliciete minimumdrempel vast voor EXMAR-aandelen die moeten aangehouden worden door de leden van het Uitvoerend Comité. EXMAR meent dat het met zijn huidige remuneratiebeleid een duidelijk verband legt met de langetermijnstrategie en de prestaties van de Vennootschap.

Malus- en terugvorderingsclausules

Het Benoemings- en Remuneratiecomité heeft de haalbaarheid overwogen van terugvorderings- en malusvoorwaarden in de variabele beloningsplannen. Gelet op de onzekerheid over de geldigheid en het belang van terugvorderingsclausules onder Belgisch recht, heeft EXMAR momenteel geen terugvorderingsbepalingen ingevoerd voor prestatiegebonden betalingen, behalve in geval van fraude of wangedrag. Indien variabele remuneratie wordt uitbetaald op basis van onjuiste financiële gegevens, kan die misrekening worden gecompenseerd door terugbetaling of door een inhouding op de betaling van toekomstige variabele remuneratie.

Beëindigingsregelingen

De leden van het Uitvoerend comité en de uitvoerende bestuurders hebben een formele overeenkomst gesloten met de Vennootschap. Deze zijn voor onbepaalde duur, met opzegtermijnen die de 12 maanden vaste remuneratie niet overschrijden. Leden van het Uitvoerend Comité die gebonden zijn door een managementovereenkomst dienen hun pensioenplan te financieren via hun managementvennootschap. Wie zelfstandig was is ingeschreven in een plan met vaste bijdragen betaald door de Vennootschap.

Beloningsverhouding

De verhouding tussen de hoogste remuneratie (CEO) en de laagste remuneratie (in voltijds equivalent) is een factor 5,48. De laagstbetaalde werknemer wordt gedefinieerd als een voltijdse werknemer in België met het laagste basissalaris op het einde van het jaar. De werkelijke totale verloning wordt in aanmerking genomen bij de berekening van de ratio. De verhouding tussen de hoogste remuneratie (CEO) en de gemiddelde remuneratie is een factor 3,13. De gemiddelde remuneratie van de werknemers houdt rekening met de totale werkelijke lonen aan het einde van het jaar op basis van voltijdse equivalenten, gedeeld door het aantal voltijdse equivalenten op het einde van het jaar.

Het belangrijkste verschil in remuneratiebeleid tussen het uitvoerend management en werknemers in het algemeen is de balans tussen vaste en prestatiegerelateerde remuneratie zoals STI en LTI. Over het algemeen is de impact van prestatiegebonden remuneratie, in het bijzonder incentives op langere termijn, belangrijker voor het uitvoerend management. Dit weerspiegelt dat uitvoerende managers meer vrijheid van handelen hebben en dat de gevolgen van hun beslissingen normaal gezien een breder en meer verregaand effect in de tijd hebben.

Remuneratie en bedrijfsresultaten over 5 jaar

2019 % var. 2020 % var. 2021 % var. 2022 % var. 2023 % var. 2024 % var.
Globale remuneratie Raad van Bestuur en Uitvoerend Comité
Globale remuneratie
van de Raad van
Bestuur 1 2
(in
duizenden EUR)
650 12% 600 -8% 580 -3% 580 0% 530 -9% 530 0%
Globale remuneratie
van de CEO 3 4 (in
duizenden EUR)
998 -52% 1.876 88% 575 -69% 1.075 87% 862 -20% 450 -48%
Globale remuneratie
van de andere leden
van het Uitvoerend
Comité 4 (in
duizenden EUR)
2.493 -17% 1.530 -39% 1.355 -11% 1.844 36% 2.761 50% 2.125 -23%
Financiële prestatie van de Vennootschap
Netto resultaat
voor de periode (in
duizenden USD)
-13.202 -18% 91.960 -797% 11.635 -87% 320.348 2653% 72.007 -78% 180.991 151%
EBITDA voor
de periode 5
(in
duizenden USD)
100.915 50% 239.855 138% 113.486 -53% 401.677 254% 154.517 -61% 273.759 77%
Gecorrigeerde
EBITDA
voor de periode (in
duizenden USD)
80.400 120% 77.655 -3% 56.186 -28% 82.518 47% 154.517 88% 175.125 13%
EBIT voor de periode
(in duizenden USD)
34.377 56% 137.646 300% 36.975 -73% 353.073 855% 94.855 -73% 206.419 118%
Netto financiële
schulden/
Gecorrigeerde
EBITDA
7,01 -54% 6,28 -10% 8,76 39% -1,27 -115% 1,63 228% 1,13 -31%
1 inclusief audit- en risicocomité / benoemings- en beloningscomité

2 op jaarbasis om een zinvolle vergelijking mogelijk te maken

3 inclusief de vergoeding van de uitvoerende voorzitter en plaatsvervangende CEO in 2020

4 exclusief toegekende aandelenopties

5 proportionele consolidatiemethode

verslag

  • 5.1 Jaarverslag van de Raad van Bestuur aan de aandeelhouders 158
  • 5.2 Geconsolideerde jaarrekening 164
  • 5.3 Statutaire jaarrekening EXMAR NV 234

Inhoud

5.1
Jaarverslag van de Raad van Bestuur aan de aandeelhouders
158
5.2
Geconsolideerde jaarrekening
164
Geconsolideerde balans 165
Geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten 166
Geconsolideerd kasstroomoverzicht 167
Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen 168
Toelichting 1 – Waarderingsregels 170
Toelichting 2 – Segmentrapportering 182
Toelichting 3 – Reconciliatie segmentrapportering 187
Toelichting 4 – Desinvesteringen 191
Toelichting 5 – Opbrengsten 191
Toelichting 6 – Winst bij verkoop 192
Toelichting 7 – Operationele kosten van schepen en technische projectkosten 193
Toelichting 8 – Aankopen goederen 193
Toelichting 9 – Algemene en administratieve kosten 193
Toelichting 10 – Personeelskosten 194
Toelichting 11 – Overige bedrijfskosten 194
Toelichting 12 – Financieel resultaat 195
Toelichting 13 – Winstbelastingen 196
Toelichting 14 – Schepen en platformen 197
Toelichting 15 – Andere materiële vaste activa 199
Toelichting 16 – Gebruiksrechten 200
Toelichting 17 – Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures 201
Toelichting 18 – Financiële informatie geassocieerde ondernemingen en joint ventures 202
Toelichting 19 – Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures 205
Toelichting 20 – Belastingvorderingen en –verplichtingen
Toelichting 21 – Financiële activa aan FVTPL
206
207
Toelichting 22 – Voorraden 207
Toelichting 23 – Handels- en overige vorderingen 207
Toelichting 24 – Kas en kasequivalenten 208
Toelichting 25 – Kapitaal en reserves 208
Toelichting 26 – Winst per aandeel 209
Toelichting 27 – Leningen 210
Toelichting 28 – Aandelenopties 213
Toelichting 29 – Personeelsbeloningen 213
Toelichting 30 – Handels- en overige schulden 216
Toelichting 31 – Financiële risico's en financiële instrumenten 216
Toelichting 32 – Leasing 222
Toelichting 33 – Investeringsverplichtingen 223
Toelichting 34 – Voorwaardelijke verplichtingen 223
Toelichting 35 – Verbonden partijen 223
Toelichting 36 – Groepsentiteiten 226
Toelichting 37 – Vergoedingen aan de commissaris 228
Toelichting 38 – Gebeurtenissen na balansdatum 228
Belangrijke schattingen en oordelen voor financiële verslaggeving 228
Verklaring met betrekking tot het getrouwe beeld van de geconsolideerde jaarrekening
en het getrouwe beeld van het jaarverslag
229

5.3 Statutaire jaarrekening EXMAR NV 234

De Raad van Bestuur legt u het gecombineerde jaarverslag over de enkelvoudige en geconsolideerde jaarrekeningen van EXMAR NV (de "Vennootschap") per 31 december 2024 voor ter goedkeuring, overeenkomstig de artikelen 3:6 en 3:32 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen ("WVV").

De Vennootschap is verplicht haar jaarrekening te publiceren volgens de bepalingen van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007 betreffende de verplichtingen van emittenten van financiële instrumenten die zijn toegelaten tot verhandeling op de Belgische gereglementeerde markt.

De elementen die krachtens het WVV en voormeld KB van toepassing zijn op de Vennootschap, worden behandeld in dit verslag en in de Corporate Governance Verklaring. Dit jaarverslag dient aldus samen met EXMAR's verslag over 2024 gelezen te worden.

Commentaar bij de geconsolideerde jaarrekening

De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld volgens International Financial Reporting Standards (IFRS).

De onderstaande bespreking is gebaseerd op de volgens IFRS opgestelde geconsolideerde jaarrekening, waarbij de joint ventures worden opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode.

In 2024 realiseerde de EXMAR Groep een geconsolideerde winst van USD 181,0 miljoen (USD 72,0 miljoen in 2023).

De opbrengsten daalden in 2024 met USD 138,4 miljoen tot USD 348,9 miljoen als gevolg van (i) lagere opbrengsten uit Infrastructuur van ombouwwerken voor TANGO FLNG en EXCALIBUR voor het Marine XII project in Congo, en van EEMSHAVEN LNG in Nederland (ii) lagere opbrengsten uit Ondersteunende Diensten van Bexco NV verkocht in mei 2024, gedeeltelijk gecompenseerd door (iii) hogere opbrengsten uit engineeringprojecten beheerd door EXMAR Offshore Company in Houston, VS en (iv) hogere exploitatie- en onderhoudsopbrengsten in Ondersteunende Diensten.

De winst gerealiseerd bij verkoop bedroeg USD 102,6 miljoen in 2024, vergeleken met USD 0,9 miljoen in 2023. De winst in 2024 is het resultaat van (i) de vrijval van de voorwaardelijke vergoedingsverplichting van USD 78 miljoen na succesvolle prestatietestresultaten en (ii) de realisatie van een winst van USD 20,6 miljoen op de verkoop van 100% van de aandelen van Bexco NV.

Door de afname van engineering, aankoop en ombouwwerkzaamheden in verband met het Marine XII project in Congo, en de verkoop van Bexco NV in mei 2024, en afgenomen voorzieningen voor claims, daalden de operationele kosten in 2024.

De netto financiële kosten daalden van USD 5,1 miljoen in 2023 naar USD 3,1 miljoen in 2024 en kunnen als volgt worden verklaard:

  • Lagere interestopbrengsten van USD 8,7 miljoen als gevolg van de lagere gemiddelde kaspositie van EXMAR;
  • Hogere interestkost in vergelijking met 2023 uit financieringsovereenkomsten van EEMSHAVEN LNG en EXCALIBUR;
  • Positieve wisselkoersresultaten op posities in EUR.

Het aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen en joint ventures daalde met USD 7,2 miljoen tot USD 24,9 miljoen in 2024 als gevolg van de verkoop van Midsize-schepen.

Schepen en platformen bedroegen USD 368,6 miljoen op het einde van 2024, een daling van USD 47,2 miljoen, die voornamelijk het gevolg is van de overboeking van twee drukschepen naar activa aangehouden voor verkoop (USD 14,7 miljoen), de verkoop van twee drukschepen (USD 14,0 miljoen), de afschrijvingslast van het jaar (USD 28,8 miljoen), gedeeltelijk gecompenseerd door geactiveerde droogdokkosten (USD 6,9 miljoen) en USD 3,3 miljoen stijging door het lichten van de vervroegde aankoopopties voor drie drukschepen.

Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures stegen met USD 24,3 miljoen tot USD 159,7 miljoen eind 2024, voornamelijk als gevolg van ons aandeel in het nettoresultaat van deze joint ventures en geassocieerde ondernemingen (USD 24,9 miljoen), gecompenseerd door dividenden (USD 1,8 miljoen) en de impact van renteswaps op de niet-gerealiseerde resultaten van de Groep (USD 0,6 miljoen).

In 2024 stegen de overige investeringen voornamelijk als gevolg van de verwerving van bijkomende aandelen in Vantage Drilling International Ltd en aandelen in Ventura Offshore Holding Ltd, met een waarde van respectievelijk USD 18,6 miljoen en USD 40,9 miljoen op jaareinde 2024.

Als gevolg van de verkoop van Bexco NV in 2024 had de Groep een daling van de voorraden van USD 15,1 miljoen tot USD 0 miljoen.

Handels- en overige vorderingen op ten hoogste één jaar stegen met USD 26,5 miljoen en zijn voornamelijk te wijten aan een stijging van de handelsvorderingen met betrekking tot engineering-, exploitatie- en onderhoudscontracten voor het Marine XII project in Congo. voor TANGO FLNG en EXCALIBUR.

De kaspositie op 31 december 2024 bedroeg USD 274,7 miljoen, een stijging met USD 97,8 miljoen als gevolg van een sterke groei van de kasstroom uit bedrijfsactiviteiten en de opbrengst van de verkoop van Bexco NV in mei 2024.

Het eigen vermogen bedroeg USD 609,6 miljoen eind 2024, of een stijging met USD 127,5 miljoen voornamelijk door de winst van het jaar van USD 181,0 miljoen, gecompenseerd door de betaling van USD 48,1 miljoen dividenden.

Eind 2024 bedroegen de leningen (lang- en kortlopend) USD 316,5 miljoen (2023: USD 265,3 miljoen). De stijging van USD 51,2 miljoen wordt in essentie verklaard door de nieuwe EXCALIBUR-faciliteit (USD 100,5 miljoen), gedeeltelijk gecompenseerd door de terugbetaling van de lopende faciliteiten (USD 42,1 miljoen).

Commentaar bij de enkelvoudige jaarrekening

De enkelvoudige jaarrekening werd opgesteld overeenkomstig de Belgische GAAP en de boekhoudkundige principes werden consistent toegepast. Deze jaarrekening zal ter goedkeuring worden voorgelegd aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op 20 mei 2025.

De onderstaande bespreking heeft betrekking op de belangrijkste rubrieken van de enkelvoudige jaarrekening:

Het operationeel verlies bedroeg USD -3,5 miljoen in 2024 (2023: USD -22,3 miljoen).

Het financieel resultaat steeg van USD 24,7 miljoen in 2023 (winst) naar een winst van USD 297,5 miljoen in 2024. De stijging wordt voornamelijk verklaard door dividenden (USD 169,6 miljoen) en de winst op de verkoop van financiële activa (USD 100,0 miljoen).

Het statutaire resultaat voor het boekjaar bedraagt een winst van USD 293,0 miljoen vergeleken met een winst van USD 2,6 miljoen in 2023.

Eind 2024 bedroegen de totale activa USD 805,2 miljoen, inclusief USD 484,3 miljoen financiële vaste activa en USD 195,7 miljoen beleggingen (voornamelijk termijndeposito's) en liquide middelen.

Het eigen vermogen bedroeg eind 2024 USD 599,6 miljoen (2023: USD 306,6 miljoen) en steeg door de winst van het jaar van USD 293,0 miljoen.

De voorzieningen daalden met USD 10,4 miljoen en hebben betrekking op diverse claims.

De verplichtingen bedroegen USD 202,7 miljoen eind 2024 vergeleken met USD 137,9 miljoen in 2023.

Op de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 20 mei 2025 zal de Raad van Bestuur voorstellen om het resultaat van het jaar als volgt te bestemmen:

Over te dragen resultaat: USD 292.118.215,13
TE BESTEMMEN RESULTAAT: USD 292.118.215,13
Onttrekking van de reserves: USD -6.861.290,68
Winst van het boekjaar USD 293.015.151,75
Overgedragen winst USD 5.964.354,06

Risicofactoren

Zoals beschreven in de Corporate Governance Verklaring.

Niet-financiële informatie

Zoals beschreven in hoofdstuk 3 van het EXMAR 2024 verslag.

Aanvullende informatie

Onderzoek en Ontwikkeling

Zoals beschreven in hoofdstuk 3 van het EXMAR 2024 verslag.

Personeel

Op 31 december 2024, in overeenstemming met de huidige CSRD-regulering, bestond het wereldwijde personeelsbestand van EXMAR uit 1.521 werknemers, inclusief 1.219 bemanningsleden op zee (2023: 1.923 werknemers, inclusief 1.514 bemanningsleden op zee).

Een groot deel van de bemanning op zee is tewerkgesteld op activa die eigendom zijn van of geëxploiteerd worden door onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures; de overeenkomstige kosten zijn niet opgenomen in de geconsolideerde personeels- of bemanningskosten van EXMAR.

Inkoop of vervreemding van eigen aandelen

Er waren geen dergelijke transacties in 2024. We verwijzen naar de Corporate Governance Verklaring.

Op 31 december 2024 bezat EXMAR 1.956.013 eigen aandelen, wat 3,29% van het totale aantal uitgegeven aandelen vertegenwoordigt, vergeleken met 1.956.013 op het einde van 2023.

Verantwoording van de waarderingsgrondslagen

De waarderingsgrondslagen toegepast bij het afsluiten van de statutaire jaarrekening verschillen niet van de waarderingsgrondslagen die in het voorgaande boekjaar werden toegepast. De samenvatting van de waarderingsgrondslagen wordt aan de statutaire jaarrekening gehecht. Voor de geconsolideerde financiële staten verwijzen we naar de sectie waarderingsregels van de geconsolideerde jaarrekening.

Beschermingsconstructies

Zoals beschreven in de Corporate Governance Verklaring.

Bijkantoren

EXMAR NV heeft geen bijkantoren.

Aandelenoptieplan

De Raad van Bestuur heeft tot op heden tien maal beslist een aantal werknemers van de EXMAR Groep opties op bestaande aandelen aan te bieden (10 plannen).

Op 31 december 2024 staat geen enkel plan nog open (zie ook toelichting 28 Aandelenopties van de geconsolideerde jaarrekening).

Bijkomende activiteiten van de Commissaris

De Commissaris, of ondernemingen of personen gerelateerd aan de Commissaris, heeft tijdens het voorbije boekjaar werkzaamheden verricht inzake audit-gerelateerde diensten en heeft beperkte taks werkzaamheden verricht voor de Groep. De niet-audit vergoeding bedroeg niet meer dan de audit vergoeding van de Groep.

Financiële instrumenten

De langetermijnvisie die eigen is aan de activiteit van EXMAR gaat gepaard met langlopende financieringen, en dus ook met een blootstelling aan variabele rentevoeten. EXMAR beheert deze blootstelling op een actieve manier en indien nodig door middel van diverse instrumenten ter afdekking van stijgende rentevoeten voor een deel van haar schuldportefeuille. Het wisselkoersrisico van de Groep wordt historisch gezien grotendeels beïnvloed door de EUR/USD-verhouding voor het bemannen van de vloot, betalen van salarissen en andere personeel gerelateerde kosten. Op 31 december 2024 had de Vennootschap financiële instrumenten om de EUR/USD wisselkoersschommelingen en de variabele rente op leningen te dekken.

Toepassing van artikel 7:96 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen

Volgens artikel 7:96 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV) moeten bestuurders die een belangenconflict hebben met betrekking tot een door de Raad te nemen beslissing, de andere bestuurders daarvan in kennis stellen voordat de beslissing wordt genomen en mogen zij niet deelnemen aan de bespreking en de besluitvorming. Deze verklaring en de aard van het belangenconflict moeten worden opgenomen in de notulen, die ook de aard van de beslissing van de Raad, de financiële gevolgen ervan voor de Vennootschap en de rechtvaardiging ervan moeten beschrijven. Dit deel van de notulen moet worden opgenomen in het financieel jaarverslag.

Uittreksel uit de notulen van de vergadering van 2 december 2024. De onafhankelijke bestuurders van de Vennootschap die Natixis Partners Belgium BV hebben aangesteld als onafhankelijke expert om het door het

Overnamebesluit vereiste waarderingsverslag op te stellen, hebben, onder voorbehoud van hun kennisname van het prospectus, besloten het bod te steunen en aan te bevelen. De heren Nicolas Saverys en Carl-Antoine Saverys, alsook mevrouw Stephanie Saverys verklaren, als vertegenwoordiger of aandeelhouder van Saverex, dat zij mogelijk een belang (anders dan een financieel belang in de zin van artikel 7:96 Belgisch Wetboek van Vennootschappen) hebben bij de besluitvorming door de Raad van Bestuur. Conform artikel III.7 van het Corporate Governance Charter nemen zij niet deel aan de besluitvorming. Na rijp beraad bevestigt de Raad van Bestuur haar steun voor het bod. De gedetailleerde mening van de Raad van Bestuur zal gebaseerd zijn op het prospectus en het rapport van de onafhankelijke expert en uiteengezet worden in de memorie van antwoord, die bij het prospectus gevoegd zal worden.

Uittreksel uit de notulen van de vergadering van 6 december 2024. Het Benoemings- en Remuneratiecomité besprak de voorstellen met betrekking tot de variabele vergoeding voor Saverex, en voor de CEO en COO voor 2024, en een verhoging van de vaste vergoeding van de CEO en een success fee in verband met de verkoop van Bexco NV. De voorstellen worden ter goedkeuring voorgelegd aan de Raad van Bestuur.

Voorafgaand aan de bespreking informeren de bestuurders Nicolas Saverys, als bestuurder en aandeelhouder van Saverex NV, Stephanie Saverys, als bestuurder en aandeelhouder van Saverex NV, en Carl-Antoine Saverys, als bestuurder en aandeelhouder van Saverex NV en in eigen naam, en FMO BV (Francis Mottrie) de andere bestuurders dat zij een belang van vermogensrechtelijke aard hebben dat strijdig is met dat van de Vennootschap, aangezien zij, onrechtstreeks of rechtstreeks, begunstigden zijn van voorgestelde bonussen en, enkel voor Carl-Antoine Saverys, voorgestelde verhoging van de vaste vergoeding en, enkel voor FMO BV, voorgestelde success fee. Zij zullen niet deelnemen aan de discussie of de besluitvorming over de aanbeveling van de Commissie.

De voorstellen zijn de volgende:

  • Variabele beloning voor 2024 van EUR 2,2 miljoen aan Saverex, gebaseerd op uitzonderlijke prestaties en nettoresultaat van de groep;
  • Variabele beloning voor 2024 van EUR 100.000 aan Casaver BV (Carl-Antoine Saverys) en aan FMO BV, gebaseerd op STI-LTI, prestaties en het totale resultaat van de groep;
  • Verhoogde vaste jaarlijkse beloning vanaf 2025 aan Casaver BV (Carl-Antoine Saverys) tot EUR 365.000
  • Success fee aan de voorzitter van Bexco NV van EUR 1 miljoen in de context van de verkoop van Bexco NV, gebaseerd op een overeenkomst gemaakt in het verleden.

De Raad van Bestuur is van mening dat de procedure van artikel 7:97 Belgisch Wetboek van Vennootschappen niet hoeft te worden toegepast met betrekking tot de variabele vergoeding aan Saverex NV, aangezien de waarde (inclusief alle transacties met betrekking tot Saverex NV gedurende de laatste 12 maanden) minder is dan 1% van het eigen vermogen van de Vennootschap op geconsolideerde basis.

Het Benoemings- en Remuneratiecomité beveelt de Raad van Bestuur aan om de voorstellen goed te keuren. De Raad van Bestuur, na afweging van de financiële impact van de voorstellen voor de Vennootschap, is van mening dat de bonusvoorstellen gerechtvaardigd zijn omwille van het uitzonderlijke werk dat de begunstigden in 2024 hebben geleverd, en dat de voorgestelde verhoogde remuneratie van de CEO gerechtvaardigd is omwille van uitzonderlijke prestaties en marktpositionering en de success fee gerechtvaardigd is als gevolg van de verkoop van Bexco NV. De Raad van Bestuur besluit de aanbeveling goed te keuren.

Belangrijke gebeurtenissen na afsluiting van het boekjaar

We verwijzen naar Toelichting 38 bij de geconsolideerde jaarrekening.

Vooruitzichten

Shipping:

Very Large Gas Carriers (VLGC)

EXMAR's 88.000 m³ VLGC's FLANDERS INNOVATION en FLANDERS PIONEER op LPG hebben lange termijn-bevrachtingsovereenkomst met Equinor ASA (Noorwegen). Met hun grote capaciteit en de dual fuel LPG-motor vertegenwoordigen deze schepen de beste technologie die vandaag beschikbaar is om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen.

De VLGC BW TOKYO presteerde goed in de loop van 2024 in de BW VLGC pool en we verwachten zachtere prestaties in 2025.

Midsize Gas Carriers (MGC)

In 2024 werd 50% van EXMAR's Midsize vloot gewijd aan het vervoer van ammoniak en verwacht wordt dat dit in 2025 zo zal blijven.

EXMAR, dat voor de Midsize-vloot een 50/50 joint venture heeft met SEAPEAK, blijft voortbouwen op haar bestaande trouwe klantenbasis met uitbreidingen van bestaande tijdbevrachtingscontracten op een winstgevend niveau. Begin 2025 is al 72% van de Midsizevloot van EXMAR voor 2025 aan deze klanten toegewezen.

Drukschepen (Pressurized)

EXMAR's vloot van 6 schepen met druktanks bleef

bestemd voor gevestigde industriële en lange termijn partners, zowel in Noordwest-Europa als in Azië. De tijdsbevrachting voor 2025 bedraagt 83%.

Vloeibaar aardgas (LNG)

De EXCALIBUR is voor 10 jaar bevracht voor het infrastructuurproject Marine XII van ENI in Congo, om dienst te doen als drijvende opslageenheid naast TANGO FLNG.

Infrastructure:

Drijvende LNG platformen

TANGO FLNG is een drijvende LNG-terminal die aardgas omzet in LNG, dat vervolgens in langszij liggende LNG-tankers wordt gelost voor uitvoer naar LNG-importerende landen. De TANGO FLNG is eigendom van ENI en maakt deel uit van de activiteiten van het aardgasontwikkelingsproject in het Marine XII-blok. EXMAR heeft als engineering-, aankoop- en conversieaannemer voor het Marine II-project in Congo in 2023 de TANGO FLNG omgebouwd. EXMAR was nauw betrokken bij dit project als ontwikkelings- en implementatiepartner en zal ook na de inbedrijfstelling en de oplevering van de uitgevoerde werken steun blijven verlenen als exploitatie- en onderhoudspartner.

EEMSHAVEN LNG is een hervergassingsinstallatie en is sinds augustus 2022 in bedrijf onder een vijfjarige bevrachtingsovereenkomst in Nederland. De bevrachting voor de exploitatie van de drijvende opslagen hervergassingsinstallatie verloopt naar tevredenheid.

Accommodatieplatformen

De inzet van het accommodatie- en werkplatform NUNCE heeft zijn reputatie van hoogwaardige dienstverlening aan zijn klant offshore Angola bevestigd, en het contract werd verlengd tot mei 2027.

Het accommodatie- en werkplatform WARIBOKO, werd 2024 verkocht.

Booractiviteiten

EXMAR heeft aandelen in Vantage Drilling International Ltd. (Vantage) en Ventura Offshore Holding Ltd. (Ventura). Vantage levert offshore olie- en aardgasboordiensten. Ventura levert offshore olie- en aardgasboordiensten in Latijns-Amerika. Vantage en Ventura zijn genoteerd op de beurs van Oslo.

Diensten:

Ship Management

2024 was een zeer druk jaar, vooral voor de business unit infrastructure van EXMAR Ship Management, na de overeenkomsten met ENI voor de ombouwwerkzaamheden, voorafgaand aan de tewerkstelling van TANGO FLNG en EXCALBUR, en

de terminal activiteiten bij EEMSHAVEN LNG, die verdergezet worden in 2025.

TRAVEL PLUS

Het bedrijf bleef op koers in 2024 en eindigde het jaar met positieve resultaten, een trend die zich naar verwachting zal voortzetten in 2025.

Goedkeuring van de jaarrekening en kwijting

Wij verzoeken de Algemene Vergadering van Aandeelhouders dit verslag voor het jaar eindigend op 31 december 2024 in zijn geheel goed te keuren en het resultaat te bestemmen zoals bepaald in dit verslag. Wij verzoeken de vergadering ook om kwijting te verlenen aan de bestuurders en de Commissaris voor de uitoefening van hun mandaat tijdens bovenvermeld boekjaar.

Benoemingen

De volgende mandaten verlopen tijdens de Algemene Vergadering van Aandeelhouders:

  • FMO BV vertegenwoordigd door Francis Mottrie, uitvoerend bestuurder
  • Michel Delbaere, niet-uitvoerend bestuurder
  • Isabelle Vleurinck, niet-uitvoerend bestuurder
  • Wouter De Geest, niet-uitvoerend bestuurder
  • ACACIA I BV vertegenwoordigd door Els Verbraecken, niet-uitvoerend bestuurder
  • Maryam Ayati, niet-uitvoerend bestuurder

De Raad van Bestuur, 27 maart 2025

GECONSOLIDEERDE BALANS

(In duizenden USD) Toelichting 31 december
2024
31 december
2023
Vaste activa 601.528 619.437
Schepen en platformen 14 368.575 415.747
Andere materiële vaste activa 15 2.336 15.970
Immateriële activa 175 314
Gebruiksrechten 16 4.253 9.661
Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures 17 159.687 135.388
Uitgestelde belastingvorderingen 20 4.635 4.429
Overige lange termijn vorderingen 260 0
Afgeleide financiële instrumenten 31 586 0
Financiële Activa aan reële waarde via FVTPL 21 61.021 37.928
Vlottende activa 418.658 307.496
Activa aangehouden voor verkoop 14 14.731 0
Afgeleide financiële instrumenten 31 1.072 550
Voorraden 22 0 15.134
Handels- en overige vorderingen 23 123.886 97.384
Korte termijn leningen aan geassocieerde ondernemingen
en joint ventures
19 48 11.597
Actuele belastingvorderingen 20 4.184 5.900
Kas en kasequivalenten 24 274.737 176.930
Totale activa 1.020.186 926.933
Eigen vermogen 609.626 482.138
Eigen vermogen, deel van de Groep 609.645 481.992
Kapitaal 25 88.812 88.812
Uitgiftepremies 25 125.359 148.796
Reserves 214.485 172.412
Resultaat van de periode 180.989 71.972
Minderheidsbelang -19 147
Verplichtingen op lange termijn 299.109 248.863
Leningen 27 277.794 219.831
Afgeleide financiële instrumenten 31 1.240 0
Personeelsbeloningen 29 785 999
Voorzieningen 19.289 25.006
Uitgestelde belastingschulden 20 0 3.026
Verplichtingen op korte termijn 111.452 195.932
Leningen 27 38.759 45.480
Handels- en overige schulden 30 66.252 146.909
Te betalen winstbelastingen 20 6.441 3.544
Totale verplichtingen 410.560 444.795
Totaal eigen vermogen en verplichtingen 1.020.186 926.933

GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN

(In duizenden USD) Voor de 12 maanden eindigend
31 december,
Toelichting 2024 2023
Opbrengsten 5 348.911 487.318
Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa 6 102.617 868
Overige bedrijfsopbrengsten 4.325 4.020
Bedrijfsopbrengsten 455.854 492.206
Operationele kosten van schepen & technische projectkosten 7 -163.271 -288.731
Gebruikte grondstoffen en hulpstoffen
Algemene- en administratieve kosten
8
9
-10.441
-39.352
-23.279
-29.187
Personeelskosten 10 -44.719 -46.176
Afschrijvingen 14/15/16 -31.702 -33.956
Waardeverminderingen en terugnames 18 -2.742 2.701
Verlies gerealiseerd bij verkoop van vaste activa 1 -82
Overige bedrijfskosten (+/-) 11 6.617 -24.356
Resultaat uit bedrijfsactiviteiten 170.245 49.140
Intrestopbrengsten 12 9.271 17.961
Intrestkosten 12 -17.793 -10.938
Andere financiële opbrengsten 12 12.133 1.373
Andere financiële kosten 12 -6.685 -13.515
Netto financieel resultaat -3.074 -5.120
Resultaat voor belastingen en voor aandeel in het resultaat in
geassocieerde ondernemingen en joint ventures
167.171 44.020
Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en
joint ventures (na belastingen)
17 24.938 32.136
Resultaat voor belasting 192.109 76.156
Belastingen op het resultaat 13 -11.118 -4.148
Resultaat van de periode 180.991 72.007
Toe te rekenen aan:
Minderheidsbelang 2 36
Aandeelhouders van de vennootschap 180.989 71.972
Resultaat van de periode 180.991 72.007
Winst per aandeel (in USD)
Verwaterde winst per aandeel (in USD)
26
26
3,15
3,14
1,25
1,25
GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN
Resultaat van de periode 180.991 72.007
Posten die via verlies of winst zijn of kunnen verwerkt worden:
Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures -
aandeel in niet-gerealiseerde resultaten
17 604 -2.098
Omrekeningsverschillen -5.266 1.572
Hedge -655 0
Overige -23 211
Posten die nooit via verlies of winst zullen verwerkt worden:
Personeelsbeloningen - herwaardering van toegezegde
pensioenverplichting/actief
29 -41 -456
Totaal niet-gerealiseerde resultaten van de periode (na
belastingen)
-5.382 -771
Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten 175.610 71.236
Toe te rekenen aan:
Minderheidsbelang -166 -34
Aandeelhouders van de vennootschap 175.776 71.270

GECONSOLIDEERD KASSTROOMOVERZICHT

12 maanden eindigend
31 december,
(In duizenden USD) Toelichting 2024 2023
Resultaat van de periode 180.991 72.007
Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen
en joint ventures (na belastingen)
17 -24.938 -32.136
Afschrijvingen 14/15/16 31.702 33.956
Waardeverminderingen en terugnames 2.742 -2.701
Netto financieel resultaat 12 3.074 5.120
Belastingen op het resultaat 11.118 4.148
Netto (winst)/verlies uit de verkoop van vaste activa 6 -102.617 -868
Stijging/(daling) van de voorzieningen en personeelsbeloningen -6.168 23.671
Gerealiseerde wisselkoerswinsten (verliezen) -638 -7.257
Bruto kasstroom uit bedrijfsactiviteiten 95.266 95.941
(Stijging)/daling van de voorraad 4 -1.705 -5.457
(Stijging)/daling van de handels- en overige vorderingen -41.038 -32.146
Stijging/(daling) van de handels- en overige schulden 14.714 -1.713
Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten 67.237 56.626
Betaalde intresten 12 -15.816 -9.928
Ontvangen intresten 12 7.695 16.427
Betaalde belastingen -6.762 -11.267
NETTO KASSTROOM UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN 52.354 51.858
Investeringen in schepen en schepen in aanbouw 14 -10.180 -4.218
Investeringen in andere materiële activa 15 -1.226 -2.152
Investeringen in immateriële activa -122 -112
Ontvangsten uit de verkoop van schepen en andere
materiële vaste activa
18.214 278
Dividenden ontvangen van investeringen in geassocieerde
ondernemingen en joint ventures
17 1.768 1.772
Overige ontvangen dividenden 35 19
Ontvangsten uit de verkoop van dochterondernemingen,
netto na aftrek liquide middelen
4 41.955 -1.173
Betalingen voor financiële activa aan FVTPL 21 -20.390 -39.132
Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures 19 -700 -996
Terugbetalingen van leningen aan geassocieerde ondernemingen
en joint ventures
19 12.500 0
NETTO KASSTROOM UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN 41.855 -45.713
Betaalde dividenden -48.122 -391.089
Nieuwe leningen 27 100.500 102.132
Terugbetaling van leningen 27 -42.064 -58.389
Terugbetaling van leaseschulden IFRS 16 (hoofdsom) 27 -1.814 -2.283
Betaling van bank & transactiekosten m.b.t. financieringen -3.709 -2.664
Inkomsten van lichting aandelenoptieplan 0 3.299
NETTO KASSTROOM UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN 4.791 -348.994
NETTO TOENAME/ (AFNAME) IN KAS EN KASEQUIVALENTEN 99.000 -342.849
Netto kas en kasequivalenten op 1 januari 24 176.930 519.553
Netto toename/(afname) van kas en kasequivalenten 99.000 -342.849
Wisselkoersfluctuaties op kas en kasequivalenten -1.193 226
NETTO KAS EN KASEQUIVALENTEN OP 31 DECEMBER 24 274.737 176.930

OGEN
M
OVERZICHT VAN HET EIGEN VER
MUTATIE
DEERD
GECONSOLI

(In duizenden USD) lichting
Toe
Kapitaal Uitgifte-
premies
dragen
Overge-
resultaat
Reserve
voor eigen
aandelen
Omreken-
ingsreserve
Afdekkings-
reserve
Reserve
aandelen-
optieplan
Totaal Minder-
heidsbelang
Totaal eigen
vermogen
Beginbalans eigen vermogen op
1 januari 2024
88.812 148.796 282.751 -38.160 -1.062 855 0 481.991 147 482.138
niet-gerealiseerde resultaten
Gerealiseerde en
Resultaat van de periode 180.989 180.989 2 180.991
Omrekeningsverschillen -5.098 -5.098 -168 -5.266
geassocieerde ondernemingen en
Omrekeningsverschillen - aandeel
joint ventures
17 -3 -3 -3
herwaardering van toegezegde
Personeelsbeloningen -
pensioenverplichtingen
29 -41 -41 -41
Overige -23 -23 -23
Wijziging in de reële waarde van cash
flow afdekkingen
17 -655 -655 -655
geassocieerde ondernemingen en
Wijziging in de reële waarde van
cash flow afdekkingen - aandeel
joint ventures
17 606 606 606
Totaal niet-gerealiseerde resultaten 0 0 -64 0 -5.100 -49 0 -5.213 -168 -5.382
niet-gerealiseerde resultaten
Totaal gerealiseerde en
0 0 180.925 0 -5.100 -49 0 175.776 -166 175.610
Transacties met aandeelhouders
Dividenduitkeringen 25 -23.437 -24.685 -48.122 0 -48.122
Totaal transacties met
aandeelhouders
0 -23.437 -24.685 0 0 0 0 -48.122 0 -48.122
Eindbalans eigen vermogen
op 31 december 2024
88.812 125.359 438.991 -38.160 -6.163 806 0 609.645 -19 609.626
(In duizenden USD) lichting
Toe
Kapitaal Uitgifte-
premies
dragen
Overge-
resultaat
Reserve
voor eigen
aandelen
Omreken-
ingsreserve
Afdekkings-
reserve
Reserve
aandelen-
optieplan
Totaal Minder-
heidsbelang
Totaal eigen
vermogen
Beginbalans eigen vermogen op
1 januari 2023
88.812 209.902 542.676 -44.349 -2.760 3.010 1.221 798.512 181 798.692
Gerealiseerde en niet-gerealiseerde
resultaten
Resultaat van de periode 71.972 71.972 36 72.007
Omrekeningsverschillen 1.641 1.641 -69 1.572
geassocieerde ondernemingen en
Omrekeningsverschillen - aandeel
joint ventures
17 57 57 57
herwaardering van toegezegde
Personeelsbeloningen -
pensioenverplichtingen
29 -456 -456 -456
Overige 211 211 211
geassocieerde ondernemingen en
Wijziging in de reële waarde van
cash flow afdekkingen - aandeel
joint ventures
17 -2.155 -2.155 -2.155
Totaal niet-gerealiseerde resultaten 0 0 -245 0 1.698 -2.155 0 -702 -69 -771
niet-gerealiseerde resultaten
Totaal gerealiseerde en
0 0 71.727 0 1.698 -2.155 0 71.270 -34 71.236
Transacties met aandeelhouders
Dividenduitkeringen -61.106 -329.983 -391.089 0 -391.089
Aandelenoptieplan -1.669 6.189 -1.221 3.299 3.299
Totaal transacties met
aandeelhouders
0 -61.106 -331.652 6.189 0 0 -1.221 -387.790 0 -387.790
Eindbalans eigen vermogen
op 31 december 2023
88.812 148.796 282.751 -38.160 -1.062 855 0 481.991 147 482.138

TOELICHTING 1 - WAARDERINGSREGELS

A. Verslaggevende entiteit

EXMAR NV (de "Onderneming") is een beursgenoteerde onderneming (Euronext-EXM) die in België gedomicilieerd is. De geconsolideerde jaarrekening van de Groep omvat de Onderneming, haar dochterondernemingen en de belangen van de Groep in geassocieerde ondernemingen en ondernemingen waarover gezamenlijke controle wordt uitgeoefend (gezamenlijk de "Groep" genoemd). De Groep is actief in de internationale scheepvaart.

B. Basis voor verslaggeving

De geconsolideerde jaarrekening wordt opgemaakt in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) uitgegeven door de International Accounting Standards Board (IASB) zoals aanvaard binnen de Europese Unie op 31 december 2024.

De waarderingsregels die werden toegepast bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening per 2024 zijn in overeenstemming met deze welke vorig boekjaar werden toegepast, met uitzondering van volgende punten:

Nieuwe en herwerkte standaarden en interpretaties van toepassing vanaf 2024

De Groep paste voor het eerst bepaalde standaarden en wijzigingen toe, die van toepassing zijn voor boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2024:

  • IFRS S1 Algemene vereisten voor informatieverschaffing over duurzaamheidgerelateerde financiële informatie;
  • IFRS S2 Klimaatgerelateerde informatie;
  • Wijzigingen in IAS 1: Classificatie van verplichtingen als kortlopend of langlopend en langlopende verplichtingen met convenanten;
  • Wijzigingen in IAS 7 en IFRS 7: Financiële regelingen met leveranciers;
  • Wijzigingen in IFRS16: Leaseverplichting in een "sale and leaseback"-transactie;
  • De Groep meent dat deze geen of slechts een beperkte impact hebben op haar geconsolideerde jaarrekening.

De Groep heeft geen enkele andere standaard, interpretatie of wijziging die werd gepubliceerd maar nog niet van kracht is, vervroegd toegepast.

Uitgegeven standaarden die nog niet toepasbaar zijn

Een aantal nieuwe standaarden, wijzigingen aan standaarden en interpretaties die per 31 december 2024 nog niet effectief waren, werden niet toegepast door de Groep bij de opmaak van deze geconsolideerde jaarrekening. Deze nieuwe of gewijzigde standaarden of interpretaties zijn nog niet van toepassing op 1 januari 2025. Met uitzondering van IFRS 18 zullen deze standaarden en wijzigingen op standaarden naar verwachting geen significante invloed hebben op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep:

  • IFRS 18 Presentatie en informatieverschaffing in de jaarrekening;
  • IFRS 19 Dochterondernemingen zonder openbare verantwoording: Informatieverschaffing;
  • Wijzigingen aan IAS 21: Gebrek aan inwisselbaarheid;
  • Wijzigingen aan de SASB-standaarden om hun internationale toepasbaarheid te vergroten;
  • Wijzigingen aan IFRS 9 en IFRS 7 met betrekking tot de classificatie en waardering van financiële instrumenten;
  • Jaarlijkse verbeteringen aan de IFRS-standaarden voor jaarrekeningen Volume 11.

De Raad van Bestuur van 27 maart 2025 heeft de geconsolideerde jaarrekening goedgekeurd en de toestemming verleend tot publicatie ervan.

C. Basis voor waardering en presentatie

De geconsolideerde jaarrekening wordt opgemaakt in duizenden USD, welke ook de functionele munt van de onderneming is. De Financial Services and Markets Authority (FSMA) heeft bij brief van 2 juli 2003 het gebruik van de USD als rapporteringsmunt goedgekeurd, aangezien het merendeel van de scheepvaartactiviteiten van de Groep en de daarmee verband houdende financiering in USD zijn uitgedrukt. Alle waarden worden afgerond op het dichtstbijzijnde duizendtal.

De jaarrekening is opgesteld op basis van historische kostprijs, met uitzondering van de volgende materiële activa en verplichtingen dewelke zijn gewaardeerd tegen een alternatieve basis op iedere balansdatum: afgeleide financiële instrumenten, overige investeringen (aandelen gewaardeerd aan FVTPL) en de netto pensioenvoorziening aangaande te bereiken doel plannen.

D. Gebruik van schattingen en beoordelingen

De opmaak van de jaarrekening in overeenstemming met IFRS vereist dat het management beoordelingen, schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van de waarderingsregels en de gerapporteerde bedragen van activa en passiva, opbrengsten en kosten, de bijbehorende toelichtingen en de toelichting omtrent latente verplichtingen. De schattingen en de hiermee verbonden veronderstellingen zijn gebaseerd op ervaring en verschillende andere factoren die gegeven de omstandigheden als redelijk worden beschouwd. De uiteindelijke resultaten kunnen verschillen van deze schattingen.

De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend herzien. Herzieningen van boekhoudkundige schattingen worden verwerkt in de periode waarin de raming wordt herzien, op voorwaarde dat de herziening alleen op die periode betrekking heeft, of in de periode van de herziening en toekomstige periodes, indien de herziening zowel de huidige als toekomstige periodes treft.

Beoordelingen

Bij de toepassing van de waarderingsregels van de Groep heeft het management de volgende beoordelingen gevormd, die een belangrijke invloed hebben op de bedragen die in de geconsolideerde jaarrekening worden gerapporteerd:

Beoordeling uitoefening aankoopopties

Bepalen of EXMAR aankoopopties zal uitoefenen op gefinancierde activa vereist een beoordeling en heeft een impact op de gebruiksduur van de onderliggende activa. Alle feiten en omstandigheden die relevant zijn voor de beoordeling worden in overweging genomen.

Schattingen en veronderstellingen

De belangrijkste veronderstellingen omtrent de toekomst en andere belangrijke bronnen van onzekerheid bij de schattingen op de verslagdatum, die een significant risico kunnen inhouden van een materiële aanpassing van de boekwaarde van de activa en passiva in het volgende boekjaar, worden hieronder beschreven. De Groep heeft haar veronderstellingen en schattingen gebaseerd op de parameters die beschikbaar waren toen de geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld. Bestaande omstandigheden en veronderstellingen over toekomstige ontwikkelingen kunnen echter veranderen als gevolg van marktwijzigingen of omstandigheden die zich voordoen buiten de controle van de Groep. Dergelijke wijzigingen worden in de veronderstellingen verwerkt wanneer zij zich voordoen.

Waardeverminderingen van schepen en platformen

De Groep evalueert de boekwaarde van elk schip op mogelijke waardevermindering, minstens jaarlijks of telkens wanneer gebeurtenissen of wijzigingen in omstandigheden erop wijzen dat de boekwaarde van een specifiek schip mogelijk niet volledig realiseerbaar is. De realiseerbare waarde is de hoogste waarde van de reële waarde verminderd met de verkoopkosten en de gebruikswaarde.

De reële waarde verminderd met de verkoopkosten wordt bepaald op basis van onafhankelijke waarderingsrapporten. De Groep doet beroep op twee onafhankelijke makelaars om de reële waarde op de verslagdatum te bepalen. De boekwaarde van de schepen geeft mogelijks niet de huidige marktwaarde weer aangezien de marktwaarden van tweedehands schepen fluctueren naargelang de evolutie van de vrachttarieven en de kostprijs van nieuwbouwschepen. Historisch gezien zijn zowel vrachttarieven als de waardering van schepen cyclisch.

De gebruikswaarde is gebaseerd op de verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tot hun huidige waarde. Om de inschatting van de toekomstige kasstromen te bepalen, maakt het management inschattingen over de verwachte datum van ingebruikname (in het geval van tijdelijk niet-operationele schepen), toekomstige vrachttarieven, operationele kosten van de schepen, verwachte levensduur van de vloot en de WACC. Deze inschattingen zijn gebaseerd op historische gegevens en toekomstverwachtingen. Het management is van mening, dat de inschattingen een betrouwbare basis zijn voor haar huidige beoordeling maar is zich bewust van de subjectiviteit ervan. We verwijzen naar Toelichting 14 Schepen en platformen voor meer informatie over de toegepaste veronderstellingen op jaareinde.

Klimaatverandering en duurzaamheid gerelateerde ontwikkelingen

Klimaat gerelateerde zaken en maatregelen zoals de invoering van emissiereductiewetgeving kunnen een aanzienlijke impact hebben op de activiteiten van EXMAR en haar klanten. EXMAR volgt de huidige ontwikkelingen en maatregelen met betrekking tot klimaatverandering en duurzaamheid op de voet (zie ook sectie 3 in dit jaarverslag), en is van mening dat deze momenteel niet leiden tot fundamenteel gewijzigde verwachtingen inzake gebruiksduur of realiseerbaarheid van onze vloot. In de gevoeligheidsanalyse van de jaarlijkse waardeverminderingstest van schepen en platformen werd rekening gehouden met de leeftijd en de emissiescore van elk specifiek actief.

E. Belangrijke grondslagen voor financiële verslaggeving

a. Consolidatieprincipes

Dochterondernemingen

De dochterondernemingen zijn die welke door de Groep worden gecontroleerd.

De financiële staten van de dochterondernemingen worden integraal in de consolidatie opgenomen vanaf de datum van verwerving tot het einde van de controle. Alle openstaande bedragen en opbrengsten en kosten, niet gerealiseerde winsten en verliezen en dividenden die het resultaat zijn van transacties tussen ondernemingen van de Groep worden volledig geëlimineerd.

Verlies van zeggenschap

Bij verlies van zeggenschap worden de activa en verplichtingen van de dochteronderneming, eventuele minderheidsbelangen en met de dochteronderneming samenhangende overige componenten van het eigen vermogen niet langer in de balans opgenomen. Het eventuele overschot of tekort dat ontstaat bij het verlies van zeggenschap wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening. Indien de Groep een belang behoudt in de voormalige dochteronderneming, wordt dat belang tegen de reële waarde opgenomen vanaf de datum van verlies van zeggenschap.

Belang in ondernemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode

Het belang van de Groep in ondernemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode bestaat uit geassocieerde ondernemingen en joint ventures.

Een geassocieerde onderneming is een onderneming waarin de Groep een invloed van betekenis, doch geen controle heeft op het financiële en operationele beleid. Een invloed van betekenis wordt verondersteld wanneer de Groep tussen 20% en 50% van de stemrechten bezit.

Een joint venture is een regeling waarin de Groep gezamenlijke controle heeft en waar de Groep rechten heeft op het eigen vermogen van de regeling, eerder dan rechten in de activa en de verplichtingen.

De geassocieerde ondernemingen en joint ventures worden via de vermogensmutatiemethode opgenomen in de consolidatie en bij eerste opname gewaardeerd aan kostprijs.

Wanneer het aandeel van de Groep in het verlies van de geassocieerde onderneming of joint venture de investering in deze onderneming overstijgt, wordt de boekwaarde tot nul herleid, en wordt de erkenning van toekomstige verliezen gestaakt, behalve wanneer de Groep de verplichting heeft om betalingen te verrichten voor rekening van de geassocieerde onderneming of joint venture. In dat geval wordt de negatieve investering in geassocieerde ondernemingen en joint ventures in mindering gebracht op andere componenten van het belang van de investeerder in de geassocieerde onderneming (leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures). Als de negatieve investering in geassocieerde ondernemingen en joint ventures groter is dan het belang van de investeerder, wordt voor het nettobedrag een verplichting opgenomen.

b. Vreemde valuta

Functionele valuta

Elke entiteit stelt haar individuele jaarrekening op in de munt van de primaire economische omgeving waarin de entiteit actief is (d.w.z. de functionele valuta). Verscheidene in Europa en Hong Kong gevestigde entiteiten hebben de USD als functionele valuta, aangezien de meeste van hun kasstromen in USD worden uitgedrukt.

Transacties en saldi

Bij het opstellen van de individuele jaarrekening worden de transacties in andere valuta's dan de functionele munt van de entiteiten geboekt tegen de wisselkoers die geldt op de datum van de transactie.

Monetaire activa en passiva uitgedrukt in vreemde valuta worden op rapporteringsdatum omgezet naar de functionele munt tegen de spot wisselkoersen op die datum. De niet-monetaire activa en passiva gewaardeerd aan historische kost worden omgerekend naar de functionele munt aan de koers van de initiële transactie. Nietmonetaire activa en passiva in vreemde valuta (andere dan de functionele munt) gewaardeerd tegen reële waarde worden omgerekend tegen de koers op moment ter bepaling van de reële waarde.

Wisselkoersverschillen die ontstaan bij omrekening worden opgenomen in de winst- en verliesrekening, behalve voor kwalificeerde kasstroomafdekkingen, voor zover de afdekking effectief is. Bij buitengebruikstelling van de afdekking en/of de netto-investering wordt het cumulatieve bedrag overgeboekt naar de winst- en verliesrekening.

Consolidatie van buitenlandse activiteiten

Bij de consolidatie worden de activa en passiva van buitenlandse activiteiten, met inbegrip van goodwill en reële waarde-aanpassingen bij aanschaffing, omgerekend naar USD – de rapporteringsmunt van de Groep - tegen de slotkoers op de balansdatum. Opbrengsten en kosten van de buitenlandse activiteiten worden omgerekend in USD aan de transactiekoers (de gemiddelde wisselkoers van de betreffende periode wordt gehanteerd).

De omrekeningsverschillen die hieruit voortvloeien worden opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten. Deze omrekeningsverschillen worden opgenomen in de rubriek "Omrekeningreserve". Echter in het geval van een minderheidsbelang wordt het relevant proportioneel deel van de omrekeningsverschillen toegewezen aan het minderheidsbelang.

Slotkoersen Gemiddelde koersen
WISSELKOERSEN 31 december 2024 31 december 2023 Voor de twaalf maanden eindigend op
31 december 2024 31 december 2023
EUR 0,9626 0,9050 0,9206 0,9262
GBP 0,7981 0,7865 0,7809 0,8061
HKD 7,7665 7,8112 7,8050 7,8303
NOK 11,3534 10,1724 10,6817 10,5693
XAF 631,3957 593,6263 603,8544 607,5645
ARS 1.030,9850 808,4690 905,7289 264,5558
KRW 1.474,7810 1.297,4298 1.353,9946 1.308,7724

De meest gebruikte wisselkoersen zijn:

c. Financiële instrumenten

Financiële activa en financiële verplichtingen worden erkend in de geconsolideerde balans wanneer de Groep partij wordt aan de contractuele bepalingen van het instrument.

Financiële activa en financiële verplichtingen worden initieel gewaardeerd aan reële waarde. Transactiekosten die direct toewijsbaar zijn aan de aanschaffing of uitgifte van financiële activa en financiële verplichtingen (andere dan financiële activa en financiële verplichtingen met verwerking van reële waardeveranderingen in winst of verlies) worden toegevoegd of worden afgetrokken van de reële waarde van de financiële activa of financiële verplichtingen, al naargelang het geval, bij initiële erkenning. Transactiekosten die direct toewijsbaar zijn aan financiële activa of financiële verplichtingen met verwerking van waardeveranderingen in winst of verlies worden onmiddellijk erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten.

Financiële activa

Alle aankopen of verkopen volgens standaard marktconventies van financiële activa worden erkend op transactiedatum.

Schuldinstrumenten die voldoen aan onderstaande voorwaarden worden daaropvolgend gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs (zie (i) hieronder):

  • Het financieel actief wordt gehouden binnen een ondernemingsmodel met het doel om financiële activa aan te houden om contractuele kasstromen te innen; en
  • De contractuele voorwaarden van de financiële activa geven recht op kasstromen op specifieke data dewelke enkel betalingen omvatten van kapitaal en intrest op het openstaande kapitaalbedrag.

Standaard worden alle andere financiële activa vervolgens gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van de waardeveranderingen door het overzicht van gerealiseerde resultaten (FVTPL).

Ondanks voorgaande bepalingen kan de Groep onderstaande onherroepelijke keuzes maken bij initiële erkenning van een financieel actief:

■ De Groep kan onherroepelijk een schuldinstrument dat voldoet aan de geamortiseerde kostprijs of FVTOCIcriteria toewijzen als gewaardeerd aan FVTPL wanneer dit een accounting mismatch elimineert of significant vermindert (zie (ii) onder).

Alle erkende financiële activa worden vervolgens in hun geheel gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs of reële waarde, afhankelijk van de classificatie van de financiële activa:

  • (i.) Financiële activa gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs: Deze activa worden vervolgens gewaardeerd aan de geamortiseerde kostprijs volgens de effectieve intrest methode. De geamortiseerde kostprijs wordt verminderd met waardeverminderingen. Intrest inkomsten, wisselkoersverschillen en waardeverminderingen worden erkend in winst of verlies. Enig resultaat bij uitboeking wordt opgenomen in winst of verlies.
  • (ii.) Financiële activa gewaardeerd aan FVTPL: Deze activa worden vervolgens gewaardeerd aan reële waarde. Nettowinsten of verliezen, inclusief intrest inkomsten of ontvangen dividenden worden erkend in de winst- en verliesrekening. Evenwel, zie de sectie over "afgeleide financiële instrumenten en hedge accounting" voor instrumenten aangeduid als afdekkingsinstrument.

Het niet langer opnemen van financiële activa

De Groep neemt een financieel actief niet langer in de balans op wanneer het recht op de kasinstroom van dit actief vervalt of verkocht wordt in een transactie waarbij alle risico's en voordelen verbonden aan de eigendom van het actief overgegaan zijn naar de koper, of wanneer ze niet alle voordelen en risico's verbonden aan de eigendom van het actief verkoopt noch behoudt en controle verliest over het getransfereerde actief.

Financiële verplichtingen

Financiële verplichtingen worden geclassificeerd als gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs of FVTPL. Een financiële verplichting wordt geclassificeerd als FVTPL wanneer het geclassificeerd wordt als aangehouden voor verkoop, het een derivaat is of aangewezen wordt als derivaat bij initiële erkenning.

Zie sectie "Afgeleide financiële instrumenten en hedge accounting" voor instrumenten aangeduid als afdekkingsinstrument.

Het niet langer opnemen van financiële verplichtingen

De Groep neemt een financiële verplichting niet langer op in de balans wanneer de contractuele verplichtingen worden beëindigd, geannuleerd of vervallen.

Bij het niet langer in de balans opnemen van een financiële verplichting wordt het verschil tussen de netto boekwaarde en de betaalde vergoeding (inclusief overgedragen niet kas activa of aangegane verplichtingen) opgenomen in de winst- en verliesrekening.

Kapitaal

Gewone aandelen maken deel uit van het eigen vermogen. Kosten rechtstreeks verbonden aan de uitgifte van aandelen en aandelenopties worden, netto van tax effect, in mindering gebracht van het eigen vermogen. Bij de verkoop van eigen aandelen, wordt het ontvangen bedrag verwerkt als een verhoging van het eigen vermogen en het surplus of tekort op de transactie wordt opgenomen in het overgedragen resultaat.

Afgeleide financiële instrumenten en afdekkingstransacties

De Groep maakt gebruik van afgeleide financiële instrumenten om haar renterisico in te dekken.

Afgeleide financiële instrumenten worden aanvankelijk gewaardeerd aan reële waarde op het ogenblik dat het derivatencontract afgesloten wordt. Na aanvang worden de afgeleide financiële instrumenten aan reële waarde geboekt en worden wijzigingen in deze reële waarde algemeen gezien in winst of verlies geboekt.

Bij aanvang documenteert de Groep op formele wijze de objectieven ter beheersing van het risico en de strategie met betrekking tot het aangaan van de transactie. De Groep documenteert eveneens de relatie tussen het afdekkingsinstrument en de afdekkingstransactie, inclusief of de wijzigingen in kasstromen elkaar verwachten te neutraliseren.

Kasstroomafdekkingen

Wanneer een afgeleid financieel instrument wordt aangewezen als kasstroomafdekkingsinstrument, wordt het effectieve deel van de wijzigingen in de reële waarde van het afgeleide financiële instrument opgenomen in nietgerealiseerde resultaten en gecumuleerd in de afdekkingsreserve.

Wanneer niet langer voldaan wordt aan de criteria voor afdekkingstransacties of wanneer het afdekkingsinstrument wordt uitgeoefend, beëindigd, verkocht of vervalt, wordt "hedge accounting" prospectief beëindigd. Wanneer de afdekkingstransactie niet langer verwacht wordt zich voor te doen, wordt het gecumuleerde bedrag in het eigen vermogen onmiddellijk geherclassificeerd naar winst of verlies.

d. Immateriële activa

Onderzoek en ontwikkeling

Kosten van onderzoek met betrekking tot de ontwikkeling van nieuwe wetenschappelijke of technologische kennis worden in de resultatenrekening erkend wanneer zij worden gemaakt.

Milieu emissierechten

Milieu emissierechten (zie materiële waarderingsregels – p.) die zijn verworven om emissies te verrekenen in het kader van de normale bedrijfsvoering, worden geclassificeerd als immateriële activa. Ze worden oorspronkelijk gewaardeerd tegen aanschaffingswaarde. Ze worden jaarlijks getest op waardevermindering. Ze worden niet afgeschreven.

Overige immateriële activa

Andere immateriële activa (o.a. software) door de Groep verworven, worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingsverliezen.

e. Materiële vaste activa

Activa in eigendom

Materiële vaste activa worden gewaardeerd aan kostprijs inclusief geactiveerde financieringskosten, verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingsverliezen. De aanschaffingswaarde omvat de uitgaven die direct verbonden zijn aan de aankoop van de betreffende activa. De aanschaffingswaarde voor zelf vervaardigde activa omvat de kostprijs van materialen, de rechtstreekse loonkost, andere kosten, direct toewijsbaar aan het gebruiksklaar maken van de activa en geactiveerde financieringskosten.

Wanneer een onderdeel van materiële vaste activa wordt vervangen, wordt de vervangingskost geactiveerd en de netto boekwaarde van het vervangen deel uitgeboekt. Kosten met betrekking tot de dagdagelijkse werking van materiële vaste activa worden in de resultatenrekening opgenomen wanneer zij worden gemaakt.

Wanneer delen van materiële vaste activa een verschillende gebruiksduur hebben, worden ze als afzonderlijke delen erkend binnen het materiële vaste actief.

Schepen, platformen of eenheden in aanbouw worden apart geclassificeerd in de balans onder activa in aanbouw. Deze activa in aanbouw worden niet afgeschreven, de afschrijvingen starten op het moment dat de schepen geleverd worden. Vanaf het moment van levering, worden de schepen niet langer opgenomen als schepen in aanbouw. Het ondernemingsmodel van de Groep is erop gericht om activa te verhuren of zelf te exploiteren.

Schepen worden als volgt lineair afgeschreven in overeenstemming met hun geschatte gebruiksduur binnen de Groep (vanaf de bouwdatum) tot hun residuele waarde:

Gasschepen LPG met druktanks 1 20 jaar
Gasschepen LPG 30 jaar
Gasschepen VLGC 30 jaar
Gasschepen LNG 35 jaar
LNG platformen 30 jaar
Accommodatieplatform, nieuwbouw:
- Rompmachines & dekuitrusting 20 jaar
- Accommodatie 10 jaar
Accommodatieplatform, tweedehands 10-12 jaar
  1. In juni 2016 verhoogde EXMAR haar aandeel in de druktanks-vloot van 50 % naar 100 % en paste IFRS 3 Bedrijfscombinaties toe om dit boekhoudkundig te verwerken. De schepen werden op die datum geboekt tegen reële waarde en worden afgeschreven over hun resterende gebruiksduur, die 30 jaar bedroeg vanaf de bouwdatum, of gemiddeld een resterende looptijd van 23 jaar. In 2020 heeft het management de gebruiksduur opnieuw geëvalueerd en deze teruggebracht van 30 tot 20 jaar (vanaf de bouwdatum), of een gemiddelde resterende gebruiksduur van 10 jaar vanaf 1 januari 2020.

Schepen en platformen worden geacht een residuele waarde van nul te hebben.

Droogdokkosten worden geactiveerd wanneer ze worden uitgevoerd en afgeschreven over de periode tot het volgende droogdok.

De overige materiële vaste activa worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de geschatte gebruiksduur van het actief.

De geschatte gebruiksduur van de verschillende types overige vaste activa zijn als volgt:

Gebouwen 33,3 jaar
Onroerende leasing 33,3 jaar
Machines en uitrusting 5 jaar
Meubilair 10 jaar
Auto's 5 jaar
Vliegtuig 10 jaar
IT-materiaal 3 jaar

f. Waardeverminderingen op activa

Financiële activa

Tegen kostprijs gewaardeerde financiële activa, met uitzondering van korte termijn handelsvorderingen, worden op elke balansdatum beoordeeld of het kredietrisico significant gestegen is sinds initiële erkenning. De Groep boekt een waardevermindering voor verwachte kredietverliezen (ECL's), welk gebaseerd is op het verschil tussen de contractuele kasstromen volgens het contract en alle kasstromen die de Groep werkelijk verwacht te zullen ontvangen, verdisconteerd aan een effectieve rentevoet die de originele rentevoet benadert. De verwachte kasstromen omvatten kasinstromen uit de verkoop van het onderpand of gelijkaardige zekerheden die integraal deel uitmaken van de contractvoorwaarden.

Tijdens de beoordeling van het kredietrisico van een financieel actief en bij het inschatten van de ECL's, houdt de Groep rekening met redelijke en gefundeerde informatie dewelke relevant en beschikbaar is zonder onnodige kost en/of moeite. Dit omvat zowel kwantitatieve als kwalitatieve informatie en een analyse gebaseerd op de historische ervaring van de Groep en kredietwaardigheidsinformatie, inclusief prospectieve informatie.

Voor handelsvorderingen op korte termijn past de Groep de vereenvoudigde benadering toe zoals toegestaan door IFRS 9 Financiële instrumenten, welke voorschrijft dat verwachte kredietverliezen worden erkend van bij het ontstaan van de vordering. Het bedrag van de waardevermindering wordt afgetrokken van de boekwaarde van het actief.

Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures

Na toepassing van de vermogensmutatiemethode beoordeelt de onderneming of het noodzakelijk is om een waardevermindering te boeken voor haar netto-investering in een geassocieerde onderneming of joint venture. Waardeverminderingen met betrekking tot een geassocieerde onderneming en joint ventures worden bepaald door vergelijking van de realiseerbare waarde van de investering met de boekwaarde. Een waardevermindering wordt verwerkt in winst of verlies en wordt teruggenomen in geval van een gunstige verandering in de schattingen die worden gebruikt ter bepaling van de realiseerbare waarde.

Niet- financiële activa

De boekwaarden van niet financiële activa, uitgezonderd uitgestelde belastingvorderingen, worden op iedere balansdatum getoetst om na te gaan of er aanwijzingen zijn dat zij mogelijk een waardevermindering hebben ondergaan. Indien dergelijke aanwijzingen bestaan, wordt een schatting gemaakt van de realiseerbare waarde van het actief.

g. Activa aangehouden voor verkoop

Vaste activa, of groepen activa en verplichtingen die worden afgestoten en waarvan wordt verwacht dat ze hoofdzakelijk zullen worden gerealiseerd door verkoop en niet door voortgezet gebruik, worden geclassificeerd als aangehouden voor verkoop. Onmiddellijk voordat het actief voor het eerst wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, wordt de waardering van het actief herzien op basis van de waarderingsregels van de Groep. Nadien worden de activa (of groep van activa) gewaardeerd tegen het laagste van de boekwaarde en de reële waarde van het activa, verminderd met verkoopkosten. Immateriële activa en materiële vaste activa aangehouden voor verkoop worden vervolgens niet langer afgeschreven. Verder wordt ook de vermogensmutatie niet langer toegepast na herclassificatie voor geassocieerde ondernemingen en joint ventures.

h. Voorraden

Voorraden worden gewaardeerd tegen kostprijs of netto-opbrengstwaarde indien deze lager is.

De kosten om elk product op zijn huidige plaats en in zijn huidige toestand te brengen, worden als volgt geboekt:

  • Grondstoffen en goederen aangekocht voor wederverkoop: aankoopkosten op basis van "first-in/first-out";
  • Goederen in bewerking en gereed product: kosten van directe materialen en arbeid en een deel van de algemene productiekosten op basis van de normale bedrijfscapaciteit, maar zonder financieringskosten.

De opbrengstwaarde is de geschatte verkoopprijs in het kader van de normale bedrijfsvoering verminderd met de geschatte kosten van afwerking en de geschatte verkoopkosten.

Waardeverminderingen op voorraden worden toegepast op traag roterende artikelen. De berekening van de waardevermindering is gebaseerd op consequent toegepaste afschrijvingsregels, die afhangen van zowel de historische als de toekomstige vraag.

i. Personeelsbeloningen

Toegezegde bijdrageregelingen ("vaste bijdrage-plan")

Verplichtingen met betrekking tot toegezegde bijdrageregelingen worden geboekt als een kost in winst of verlies wanneer ze zich voordoen.

Toegezegde pensioenregelingen ("te bereiken doel-plan")

De netto verplichting van de Groep uit hoofde van toegezegde pensioenregelingen wordt voor iedere regeling afzonderlijk berekend door een schatting te maken van de pensioenaanspraken die werknemers hebben opgebouwd in de verslagperiode en voorgaande perioden, waarbij dat bedrag verdisconteerd wordt en verminderd met de reële waarde van de fondsbeleggingen. De berekening van toegezegde pensioenverplichtingen wordt jaarlijks uitgevoerd door een gekwalificeerde actuaris volgens de 'projected unit credit'-methode. Wanneer de berekening resulteert in een positief saldo voor de Groep, wordt de opname van het actief beperkt tot een bedrag dat maximaal gelijk is aan de contante waarde van economische voordelen in de vorm van eventuele toekomstige terugstortingen door het fonds of lagere toekomstige pensioenpremies. Bij de berekening van de huidige waarde van economische voordelen wordt rekening gehouden met minimale financieringsverplichtingen die van toepassing zijn op de afzonderlijke regelingen van de Groep.

Herwaarderingen van de netto-toegezegde pensioenverplichting, die bestaan uit actuariële winsten en verliezen, het rendement op fondsbeleggingen (exclusief rente) en het effect van het actiefplafond (indien aanwezig, exclusief rente), worden direct verwerkt in niet-gerealiseerde resultaten. De Groep bepaalt de netto intrestkost (-opbrengst) op de netto-toegezegde pensioenverplichting (het actief) over de verslagperiode door de disconteringsvoet die is gebruikt voor het bepalen van de toegezegde pensioenverplichting aan het begin van de het jaar, toe te passen op de toenmalige netto- toegezegde pensioenverplichting (actief), rekening houdend met eventuele wijzigingen in de netto toegezegde pensioenverplichting (actief) gedurende de periode als gevolg van bijdragen en uitkeringen. Nettorentelasten en overige kosten met betrekking tot toegezegde pensioenregelingen worden verwerkt in winst of verlies.

Belgische toegezegde bijdrageregelingen met gewaarborgd rendement

Belgische toegezegde bijdrageregelingen vallen onder toepassingsgebied van de Wet van 28 april 2003 op de aanvullende pensioenen, (hierna 'WAP' genoemd). Volgens artikel 24 van deze wet is de werkgever verplicht een minimum rendement van 3,75% op de persoonlijke bijdragen van de werknemer en 3,25% op de bijdragen van de werkgever te garanderen en dit voor betaalde bijdragen tot 31 december 2015. Vanaf januari 2016 dient de werkgever een gemiddeld minimum rendement van 1,75% te garanderen op zowel werknemers- als werkgeversbijdragen (zoals gewijzigd door de Wet van 18 december 2015). Deze minimum rendementsgarantie overtreft over het algemeen het rendement dat gegarandeerd wordt door de verzekeringsmaatschappij. Aangezien de werkgever verplicht wordt een minimum rendement te garanderen, worden niet alle actuariële en investeringsrisico's overgedragen naar de verzekeringsmaatschappijen die deze plannen beheren. Bijgevolg voldoen deze plannen niet aan de IFRS-definitie van toegezegde bijdragenregeling en worden ze als een te bereiken doel-plan geclassificeerd. Een actuariële berekening in overeenstemming met IAS 19 gebaseerd op de 'projected unit credit (PUC)'-methode wordt uitgevoerd in dit verband.

Ontslagvergoedingen

Ontslagvergoedingen worden opgenomen als een kost als de Groep zich op basis van een gedetailleerd formeel plan aantoonbaar heeft verbonden tot de beëindiging van het dienstverband van een werknemer of een groep werknemers vóór de gebruikelijke pensioendatum, zonder realistische mogelijkheid tot intrekking van dat plan. Dit is tevens het geval als de Groep ontslagvergoedingen aanbiedt en zo (een groep) werknemers stimuleert vrijwillig te vertrekken. Ontslagvergoedingen voor vrijwillig ontslag worden opgenomen als een kost als de Groep een aanbod heeft gedaan tot vrijwillig ontslag, als het waarschijnlijk is dat dit aanbod zal worden aangenomen en als het aantal werknemers dat van het aanbod gebruik zal maken betrouwbaar kan worden bepaald. Als ontslagvergoedingen meer dan twaalf maanden na afloop van de verslagdatum betaalbaar zijn, dan worden deze verdisconteerd naar hun huidige waarde.

Korte termijn personeelsbeloningen

Korte termijn personeelsbeloningen worden zonder verdiscontering gewaardeerd en als kost opgenomen wanneer de daarmee verband houdende dienst wordt verricht. Er wordt een verplichting geboekt voor het bedrag dat naar verwachting ten gevolge van een korte termijn bonus in contanten of een winstdelingsregeling zal worden uitbetaald indien de Groep een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft als gevolg van verstreken diensttijd van werknemers en indien deze verplichting betrouwbaar kan worden bepaald.

j. Voorzieningen

Een voorziening wordt in de balans opgenomen wanneer de Groep een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft als gevolg van een gebeurtenis in het verleden, waarvan een betrouwbare schatting kan worden gemaakt en het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen nodig zal zijn om de verplichting af te wikkelen.

k. Opbrengsten

Opbrengsten uit charterovereenkomsten

De Groep en/of haar joint ventures verwerven inkomsten van bevrachters als gevolg van het gebruik van haar activa. Deze activa worden gechartered als gevolg van reis/spotcharters, tijdcharters, rompcharters en poolinkomsten:

Reis/spotcharters: Inkomsten uit reischarters worden opgenomen over de tijd van spotcharters op basis van lading tot lossing. De voortgang wordt bepaald op basis van de verstreken tijd. Reiskosten worden in resultaat genomen wanneer zij zich voordoen. Wanneer onze schepen door andere factoren, zoals havenvertragingen, hun verplichting niet kunnen nakomen of voortzetten, wordt overliggeld berekend. Het toepasselijke overligtarief is contractueel vastgelegd. Aangezien overliggeld vaak een commerciële discussie is tussen EXMAR en de charteraar, is de uitkomst en de totale te ontvangen vergoeding voor de vertraging niet altijd zeker.

Bijgevolg erkent EXMAR enkel de opbrengsten die met grote waarschijnlijkheid zullen worden ontvangen. Er worden geen opbrengsten opgenomen indien de inning van de vergoeding niet hoogstwaarschijnlijk is. Het bedrag van de geboekte opbrengsten wordt geraamd op basis van historische gegevens. De Groep actualiseert jaarlijks haar raming.

  • Tijd- en romp ("bareboat') charters: Als leasinggever verhuurt de Groep sommige van haar schepen onder tijdsen rompcharters (zie ook punt l. Leasing). Voor tijd- of rompcharters wordt een overeenkomst aangegaan voor het gebruik van een actief voor een specifieke termijn tegen een contractueel overeengekomen maandelijks of dagelijks tarief. Opbrengsten uit tijd- of rompcharters worden geboekt als operationele leases en worden opgenomen over de duur van de dienst naarmate de dienst wordt verleend.
  • Poolinkomsten: De totale dagelijkse opbrengsten van schepen die in het kader van reis- of tijdcharters en "contracts of affreightment" ("COA") binnen de pool opereren, worden omgezet in een samengevoegd nettobedrag aan opbrengsten door de samengevoegde reiskosten (zoals brandstofverbruik, havengelden, ...) van de bruto-opbrengsten af te trekken. Deze netto-inkomsten worden gebruikt om de inkomsten van de pool in tijdcharterequivalent ("TCE") te bepalen. De totale TCE-inkomsten worden gebruikt om inkomsten toe te wijzen aan de poolpartners overeenkomstig de toegewezen poolpunten die voor elk schip zijn verdiend. Bij de bepaling van de poolpunten wordt rekening gehouden met de volgende parameters: scheepsinhoud (= capaciteit van het schip), snelheid, brandstofverbruikprestaties en daadwerkelijk gehuurde dagen. De TCE-inkomsten van onze schepen die in de pool actief zijn, zijn gelijk aan de poolpuntwaardering van elk schip vermenigvuldigd met de verhuurde tijd, zoals gerapporteerd door de poolmanager. Inkomsten uit deze variabele tijdcharterovereenkomsten waarbij schepen in dienst zijn van de pool, worden geboekt volgens IFRS 15 Opbrengsten uit contracten met klanten.

Opbrengsten uit gepresteerde diensten

Inkomsten uit gepresteerde diensten, zoals scheepsmanagement, engineering en technische bijstand, worden in de resultatenrekening opgenomen naarmate de diensten worden verleend. De klant ontvangt en verbruikt tegelijkertijd de voordelen die voortvloeien uit de prestaties van de entiteit naarmate de entiteit de prestaties verricht (recurrente diensten). Facturen en gerelateerde betalingstermijnen zijn afhankelijk van individuele contractuele voorwaarden.

Licentievergoedingen

Inkomsten uit het in licentie geven van toegang tot intellectuele eigendom van EXMAR worden over het algemeen gespreid in de tijd opgenomen, samen met de onderliggende geleverde diensten op basis van bestede tijd en materiaal. Indien de licentie-inkomsten als afzonderlijk en onderscheiden worden beschouwd binnen de context van het contract, worden deze inkomsten opgenomen op het moment dat EXMAR voldoet aan de prestatieverplichting en de controle wordt overgedragen aan de klant.

Winst uit de verkoop van activa

Winst uit de verkoop van activa (schepen en platformen) wordt in de resultatenrekening opgenomen wanneer de controle van het actief verbonden aan de specifieke prestatieverplichting werd overgedragen aan de klant, wat in principe overeenkomt met het moment van levering van het schip of platform aan de klant. Facturen en gerelateerde betalingstermijnen zijn afhankelijk van de individuele contractuele voorwaarden.

Opbrengsten uit de verkoop van goederen

Contracten met klanten voor de verkoop van goederen hebben slechts één prestatieverplichting. Opbrengsten worden erkend op het moment dat de controle van het goed wordt overgedragen aan de klant, in principe op het moment van levering van de goederen.

Opbrengsten uit onderhanden projecten

Opbrengsterkenning bij projectgebonden activiteiten gebeurt volgens de "percentage of completion" methode (nl. pro rato van de voortgang van het project), op voorwaarde dat het erkende resultaat van het project op redelijke basis kan worden beoordeeld.

Commissies

Wanneer de Groep bij een transactie als tussenpersoon (agent) optreedt in plaats van als hoofdpartij, zijn de erkende opbrengsten het nettobedrag van de commissies waarop de Groep recht heeft.

l. Leasing

Bij de start van een overeenkomst bepaalt de Groep of de overeenkomst een leasingcontract is of omvat.

Als een leasingnemer

De Groep erkent een gebruiksrecht en een leaseverplichting bij de start van het leasing contract. Het gebruiksrecht wordt initieel gewaardeerd aan kostprijs, deze kostprijs omvat het initiële bedrag van de leaseverplichting aangepast voor leasebetalingen gedaan op of voor de startdatum van de lease vermeerderd met direct toewijsbare kosten en ingeschatte kosten om het gerelateerde actief te ontmantelen of te verwijderen of om het gerelateerde actief te herstellen of de locatie waar het actief zich bevindt in zijn oorspronkelijke staat te herstellen. Verkregen lease voordelen dienen in mindering van de kostprijs gebracht te worden.

Het gebruiksrecht wordt vervolgens afgeschreven volgens de lineaire methode vanaf de start van het leasingcontract tot de einddatum van het leasingcontract, tenzij het leasingcontract eigendom transfereert op het einde van de leasetermijn of de kostprijs van het recht-op-gebruik het uitoefenen van een aankoopoptie door de Groep weerspiegelt. In dit geval wordt het gebruiksrecht afgeschreven over de geschatte gebruiksduur van het actief, welke bepaald wordt op dezelfde manier als deze van andere materiële vaste activa. Bijkomend wordt het gebruiksrecht verminderd met waardeverminderingen, indien van toepassing.

De leaseverplichting wordt initieel gewaardeerd aan de huidige waarde van de toekomstige leasebetalingen op de startdatum van het leasingcontract, verdisconteerd aan het impliciete intrestpercentage van het leasingcontract of wanneer dit percentage niet kan bepaald worden, dan gebruikt de Groep haar marginale rentevoet als verdisconteringspercentage.

Algemeen gesteld gebruikt de Groep haar marginale rentevoet als verdisconteringspercentage. De marginale rentevoet wordt bepaald door rentevoeten te bekomen van verschillende externe financieringsbronnen en bepaalde aanpassingen te doen in het kader van de voorwaarden van het leasingcontract en het type actief.

Leasebetalingen opgenomen in de waardering van de leaseverplichting omvatten het volgende:

  • Vaste betalingen inclusief in hoofdzaak vaste betalingen;
  • Variabele leasebetalingen afhankelijk van een index of tarief, initieel gewaardeerd aan de index of het tarief op de startdatum;
  • Het bedrag dat verwacht wordt betaalbaar te zijn onder een restwaardegarantie; en
  • De uitoefenprijs onder een aankoopoptie welke de Groep zo goed als zeker zal uitoefenen, leasebetalingen in een optionele periode van verlenging als de Groep zo goed als zeker deze optie zal uitoefenen en contractuele boetes voor vervroegde stopzetting tenzij de Groep zo goed als zeker niet vervroegd zal stopzetten.

De leaseverplichting wordt gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs volgens de effectieve intrestmethode.

Wanneer er een aanpassing is van de leaseverplichting in bovenstaand verband, dan wordt een corresponderende aanpassing gedaan aan de boekwaarde van gebruiksrecht of wordt in resultaat geboekt indien wanneer het gebruiksrecht verminderd werd tot nul.

De Groep presenteert het gebruiksrecht apart in de balans en de leaseverplichtingen zijn opgenomen onder de rubriek "Leningen".

Korte termijn leasingcontracten en leasingcontracten met immateriële waarden

De Groep heeft ervoor geopteerd om geen gebruiksrecht en gerelateerde leaseverplichting te erkennen voor korte termijn leasingcontracten en leasingcontracten met immateriële waarde. De Groep erkent deze leasebetalingen als een kost volgens de lineaire methode over de leasingtermijn.

Als een leasinggever

Bij aanvang of bij wijziging van een contract welke een leasingcomponent omvat, zal de Groep de vergoeding in het contract verdelen over de leasingcomponent en de niet-leasingcomponent op basis van hun relatieve afzonderlijke prijzen.

Wanneer de Groep optreedt als leasinggever, dan bepaalt het bij de start van een leasingcontract of een leasingcontract een financiële of een operationele lease is.

Om de leasing classificatie te bepalen, beoordeelt de Groep globaal of de lease nagenoeg alle aan de eigendom van het onderliggende actief verbonden risico's en voordelen overdraagt. Wanneer dit het geval is, dan is het leasingcontract een financiële lease; indien niet, dan is het leasingcontract een operationele lease. Bij deze beoordeling houdt de Groep rekening met bepaalde indicatoren, waaronder of de lease betrekking heeft op het grootste gedeelte van de economische levensduur van het actief.

De Groep erkent ontvangen leasebetalingen onder een operationeel leasingcontract als opbrengsten volgens de lineaire methode over de leasingtermijn van het contract.

m. Financiële opbrengsten en kosten

Financiële opbrengsten bestaan uit ontvangen intresten, dividenden, winsten bij verkoop van aandelen aan FVTPL, wijzigingen in de reële waarde van financiële activa tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de resultatenrekening, winsten op afdekkingsinstrumenten die in de resultatenrekening worden opgenomen en wisselkoerswinsten. Dividenden worden opgenomen in de resultatenrekening op de datum dat het dividend wordt toegekend.

Financiële kosten omvatten intresten op leningen, wijzigingen in de reële waarde van financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de resultatenrekening, waardeverminderingen op financiële activa, wisselkoersverliezen en verliezen op afdekkingsinstrumenten die worden opgenomen in de resultatenrekening.

Financieringskosten die niet rechtstreeks toewijsbaar zijn aan het aankopen of gebruiksklaar maken van activa, worden in winst of verlies opgenomen op basis van de effectieve rentemethode. Wisselkoerswinsten en -verliezen worden netto gepresenteerd per munt als zijnde financiële opbrengsten of financiële kosten.

n. Belastingen

De belastingen op het resultaat van het boekjaar omvatten over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare en uitgestelde belastingen. Ze worden opgenomen in de resultatenrekening.

De verschuldigde en verrekenbare belastingen zijn de belastingen verschuldigd op de belastbare winst van het boekjaar, berekend volgens de belastingtarieven die gelden op datum van afsluiting van het boekjaar, en voorts ook belastingcorrecties die betrekking hebben op voorgaande boekjaren. Belastingvorderingen en -verplichtingen worden enkel gecompenseerd als aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan.

Uitgestelde belastingen worden opgenomen voor alle tijdelijke verschillen tussen de boekwaarde van activa en verplichtingen ten behoeve van de jaarrekening en de fiscale boekwaarde van die posten.

Uitgestelde belastingen worden gewaardeerd tegen de belastingtarieven die naar verwachting van toepassing zullen zijn bij afloop van de tijdelijke verschillen, op basis van de wetten die op balansdatum zijn vastgesteld of materieel zijn vastgesteld. Actieve belastinglatenties worden opgenomen voor niet-gecompenseerde fiscale verliezen, niet gebruikte fiscaal verrekenbare tegoeden en verrekenbare tijdelijke verschillen, voor zover het waarschijnlijk is dat er toekomstige belastbare winsten beschikbaar zullen zijn waarmee deze kunnen worden verrekend.

Actieve belastinglatenties worden afgewaardeerd zodra het niet langer waarschijnlijk is dat dit belastingvoordeel zich zal realiseren. Niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen worden op iedere balansdatum opnieuw beoordeeld en opgenomen zodra het waarschijnlijk is dat er in de toekomst belastbare winsten beschikbaar zullen zijn, waartegen deze kunnen worden verrekend. Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden enkel gecompenseerd als aan bepaalde voorwaarden is voldaan.

In overeenstemming met IAS 12 wordt "tonnage tax" niet als inkomstenbelasting maar als overige kost opgenomen in de winst- en verliesrekening.

o. Segmentrapportering

Een segment is een onderdeel van de Groep met betrekking tot een operationele activiteit die inkomsten genereert en uitgaven maakt, met inbegrip van inkomsten en uitgaven afkomstig van transacties met andere onderdelen van de Groep. Het operationele resultaat van de segmenten wordt op een regelmatige basis door het management bekeken om zo beslissingen te nemen met betrekking tot de allocatie van middelen en om de prestaties van een segment te beoordelen.

Het resultaat van een segment omvat alle opbrengsten en kosten die rechtstreeks door dit segment worden gegenereerd, inclusief het deel van de te alloceren opbrengsten en kosten die redelijkerwijs aan het segment kan worden toegewezen. De activa en passiva van een segment omvatten als minimum de activa en passiva dewelke periodiek gerapporteerd worden aan de "Chief operating decision maker", zijnde de CEO van de Groep en de overige leden van het directiecomité.

De investeringen van het segment omvatten de aankoopkost van materiële en immateriële vaste activa voor de periode.

p. Emissierechten

EXMAR bezit en beheert schepen die onder het toepassingsgebied vallen van het emissiehandelssysteem van de Europese Unie. Dit resulteert enerzijds in inkomende stromen van haar klanten, die worden vereffend door de overdracht van emissierechten op basis van de emissies van het schip dat voor de respectieve klanten wordt geëxploiteerd, en anderzijds in uitgaande overdrachten van emissierechten aan de bevoegde EU-autoriteit.

Milieu-emissierechten, verworven voor de vereffening van emissies in het kader van de gewone bedrijfsvoering, worden geclassificeerd als immateriële activa. Ze worden aanvankelijk gewaardeerd tegen aanschaffingswaarde. Emissierechten die binnen de komende 12 maanden zullen worden afgeboekt, worden geclassificeerd als vlottende immateriële vaste activa en worden opgenomen onder overige vlottende activa. In het geval dat emissierechten in cash worden verworven, wordt de kasstroom geclassificeerd als een investeringskasstroom.

De verplichting om milieu-emissierechten te leveren ontstaat door emissies tijdens activiteiten van schepen volgens de regelgeving van het emissiehandelssysteem van de Europese Unie en wordt geboekt als een toe te rekenen kost onder de handelsschulden en overige schulden. Deze verplichting wordt gewaardeerd tegen de kostprijs van de verkregen emissierechten (de beschikbare emissierechten) en er wordt een voorziening geboekt voor het verschil tussen de in te leveren emissierechten en de beschikbare emissierechten. De voorziening wordt gewaardeerd aan de reële waarde van de emissierechten op verslagdatum, zijnde de beste schatting van de uitgaven nodig om de ontbrekende emissierechten te verkrijgen.

In de resultatenrekening wordt alleen de netto-kost (wanneer de verplichting groter is dan de immateriële vaste activa) geboekt onder de overige bedrijfskosten.

TOELICHTING 2 – SEGMENTRAPPORTERING

Met betrekking tot joint ventures, blijft de onderneming haar activiteiten opvolgen op basis van de interne management rapportering volgens de proportionele consolidatie methode. De reconciliatie van de segmentrapportering met de geconsolideerde balans en het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten wordt weergegeven onder Toelichting 3 Reconciliatie segmentrapportering. Alle verschillen hebben betrekking op de toepassing van IFRS 11 Gezamenlijke overeenkomsten, er zijn geen andere verschillen van toepassing.

De Groep heeft 3 rapporteringssegmenten. Deze segmenten weerspiegelen het niveau waarop de CEO en het directiecomité naar het bedrijf kijken en beslissingen nemen over de verdeling van middelen en andere operationele zaken. Deze segmenten leveren verschillende diensten en producten en worden afzonderlijk geleid.

  • De activiteiten van het Shipping segment omvatten het vervoer van vloeibaar gas zoals LNG, LPG, ammoniak en andere petrochemische gassen.
  • Het Infrastructure segment levert innovatieve drijvende infrastructuur oplossingen aan de olie- en gasindustrie door enerzijds gebruik te maken van zijn activa portefeuille en door anderzijds nieuwe activa te ontwikkelen voor offshore en near-shore productie, verwerking, opslag en andere gerelateerde diensten.
  • Het segment Diensten omvat gespecialiseerde ondersteunende dienstverlening zoals scheepsbeheer en reisbureau diensten.

De structuur van de Groep en het management is niet gebaseerd op geografische informatie (vaste activa en omzet per belangrijkste land) aangezien de vloot van de onderneming ingezet wordt op een wereldwijde basis.

De intra-segment opbrengsten hebben voornamelijk betrekking op verleende diensten met betrekking tot managementactiviteiten, supervisie en bemanning van schepen.

Belangrijke scheepvaartklanten Equinor (ex-Statoil), Saudi Arabian Mining Company en SHV Gas Supply and Risk Management vertegenwoordigden 21,5% (2023: 21,0%), 12,8% (2023: 12,6%) en 9,5% (2023: 8,8%) van de inkomsten van het segment Scheepvaart en 6,9% (2023: 5,2%), 4,1% (2023: 3,1%) en 3,1% (2023: 2,2%) van de inkomsten van de EXMAR Groep in 2024. Het resterende deel van de opbrengsten van het Shipping segment is verdeeld over 15 verschillende klanten. ENI Congo, Export LNG Limited en Gasunie vertegenwoordigden 34,9% (2023: 23,4%), 25,4% (2023: 52,1%) en 20,4% (2023: 9,2%) van de opbrengsten van het segment Infrastructure. Deze drie ondernemingen vertegenwoordigen 11,2% (2023: 15,1%), 8,2% (2023: 33,6%) en 6,6% (2023: 5,9%) van de opbrengsten van de EXMAR Groep in 2024. De vermelde percentages zijn berekend exclusief schikkingsvergoedingen. Geen enkele andere klant vertegenwoordigde meer dan 10,0% van de opbrengsten van de EXMAR Groep in 2024.

Cijfers per segment 2024

(In duizenden USD)
GECONSOLIDEERD OVERZICHT
VAN GEREALISEERDE RESULTATEN
Voor het jaar eindigend op 31 december 2024 Shipping Infrastructure Diensten Eliminaties Totaal
Externe opbrengsten 140.066 210.436 84.392 434.893
Intra-segment opbrengsten 2.765 1.727 5.789 -10.281 0
Totale opbrengsten 142.831 212.162 90.181 -10.281 434.893
Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa 7.209 78.227 20.397 105.834
Overige bedrijfsopbrengsten 1.521 0 2.807 4.328
Bedrijfsopbrengsten 151.561 290.390 113.385 -10.281 545.055
Bedrijfsresultaat vóor afschrijvingen
en waardeverminderingen (EBITDA)
107.375 143.561 22.824 0 273.759
Afschrijvingen -50.825 -12.250 -1.524 -64.599
Waardeverminderingen en terugnames -1 -2.613 -128 -2.742
Verlies gerealiseerd bij verkoop van vaste activa 0 1 0 1
Bedrijfsresultaat (EBIT) 56.548 128.700 21.172 0 206.419
Intrestopbrengsten (niet-intra-segment) 4.522 4.320 4.900 13.742
Intrestopbrengsten intra-segment 2.284 5.182 22.397 -29.863 0
Intrestkosten (niet-intra-segment) -26.104 -9.834 -218 -36.156
Intrestkosten intra-segment -16.261 -7.822 -5.780 29.863 0
Andere financiële opbrengsten 590 3.897 7.817 12.304
Andere financiële kosten -547 -565 -5.752 -6.865
Aandeel in het resultaat in geassocieerde
ondernemingen en joint ventures
(na belastingen)
0 2.471 237 2.708
Belastingen op het resultaat -213 -4.863 -6.084 -11.160
Segment resultaat voor de periode 20.818 121.485 38.688 0 180.991
Toe te rekenen aan:
Minderheidsbelang 2
Aandeelhouders van de vennootschap 180.989
(In duizenden USD)
GECONSOLIDEERDE BALANS
31 december 2024 Shipping Infrastructure Diensten Eliminaties Totaal
ACTIVA
Schepen en platformen 440.895 192.430 0 633.325
Andere materiële vaste activa 73 1.143 1.120 2.336
Immateriële activa 113 120 54 288
Gebruiksrechten 30.535 2.418 1.449 34.402
Investeringen in geassocieerde
ondernemingen en joint ventures
0 510 573 1.082
Leningen aan geassocieerde onderne
mingen en joint ventures
0 350 1.961 2.311
Financiële activa via reële waarde aan FVPTL 0 0 61.133 61.133
Gegeven leningen intra-segment 84.005 88.771 543.097 -715.872 0
Overige lange termijn vorderingen 0 0 260 260
Kas en kasequivalenten 55.911 108.204 190.911 355.025
Activa aangehouden voor verkoop 32.467 0 0 32.467
Totale segment activa 643.998 393.946 800.558 -715.872 1.122.629
Niet-toegewezen handels- en
overige vorderingen
0 137.372
Handels- en overige vorderingen
intra-segment
7.076 28.909 56.998 -92.983 0
Niet-toegewezen overige activa 10.866
Totale activa -808.855 1.271.828
VERPLICHTINGEN
Lange termijn leningen 316.346 156.476 671 473.494
Korte termijn leningen 52.788 25.758 878 79.425
Leningen intra-segment 351.576 225.621 138.675 -715.872 0
Overige schulden & derivaten 0 20 1.246 1.266
Lange termijn voorzieningen -10.156 13.879 15.857 19.579
Totaal segment verplichtingen 710.554 421.754 157.328 -715.872 573.764
Niet-toegewezen eigen vermogen 609.626
Niet-toegewezen handels- en
overige schulden
81.205
Handels- en overige schulden intra-segment -46.203 56.670 82.515 -92.983 0
Niet-toegewezen overige verplichtingen 7.233
Totaal eigen vermogen en verplichtingen -808.855 1.271.828
KASSTROOMOVERZICHT
Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten 95.662
Kasstroom uit investeringsactiviteiten 31.674
Kasstroom uit financieringsactiviteiten -11.130
Wisselkoersfluctuaties -1.299
Totale kasstroom 0 0 0 114.908
Bijkomende informatie
Investeringen -45.819 -1.110 -513 -47.441
Inkomsten uit verkoop 43.384 0 125 43.509

Cijfers per segment 2023

(In duizenden USD)
GECONSOLIDEERD OVERZICHT
VAN GEREALISEERDE RESULTATEN
Voor de 12 maanden eindigend op
31 december 2023
Shipping Infrastructure Diensten Eliminaties Totaal
Externe opbrengsten 143.658 372.696 61.136 0 577.490
Intra-segment opbrengsten 187 1.183 9.948 -11.318 -1
Royalty opbrengsten 0 800 0 0 800
Totale opbrengsten 143.845 374.678 71.084 -11.318 578.289
Winst gerealiseerd bij verkoop van
vaste activa
6.594 6 836 0 7.436
Overige bedrijfsopbrengsten 677 1.908 1.435 0 4.020
Bedrijfsopbrengsten 151.117 376.592 73.355 -11.318 589.746
Bedrijfsresultaat vóor afschrijvingen
en waardeverminderingen (EBITDA)
82.330 75.746 -3.559 0 154.517
Afschrijvingen -48.002 -11.823 -2.456 0 -62.281
Waardeverminderingen en terugnames 0 2.669 32 0 2.701
Verlies gerealiseerd bij verkoop van
vaste activa
0 0 -82 0 -82
Bedrijfsresultaat (EBIT) 34.328 66.592 -6.065 0 94.855
Intrestopbrengsten (niet-intra-segment) 4.357 1.725 16.127 0 22.209
Intrestopbrengsten intra-segment 1.469 1.528 14.744 -17.741 0
Intrestkosten (niet-intra-segment) -27.407 -662 -368 0 -28.437
Intrestkosten intra-segment -7.127 -9.017 -1.597 17.741 0
Andere financiële opbrengsten 264 -2.532 894 0 -1.374
Andere financiële kosten -676 -1.391 -8.966 0 -11.033
Aandeel in het resultaat in geassocieerde
ondernemingen en joint ventures
(na belastingen)
0 0 199 0 199
Belastingen op het resultaat -1.919 -182 -2.310 0 -4.411
Segment resultaat voor de periode 3.288 56.061 12.658 0 72.007
Toe te rekenen aan:
Minderheidsbelang 36
Aandeelhouders van de vennootschap 71.971
(In duizenden USD)
GECONSOLIDEERDE BALANS
31 december 2023 Shipping Infrastructure Diensten Eliminaties Totaal
ACTIVA
Schepen en platformen 489.002 203.234 0 692.236
Andere materiële vaste activa 134 655 15.182 15.970
Immateriële activa 0 13 301 314
Gebruiksrechten 32.168 1.950 7.225 41.343
Investeringen in geassocieerde
ondernemingen en joint ventures
0 0 612 612
Leningen aan geassocieerde
ondernemingen en joint ventures
0 47.801 1.725 49.525
Gegeven leningen intra-segment 45.034 58.694 452.813 -556.542 0
Voorraden 0 0 15.134 15.134
Kas en kasequivalenten 51.473 118.128 72.208 241.809
Totale segment activa 617.811 430.475 565.199 -556.542 1.056.943
Niet-toegewezen overige investeringen 0 550
Niet-toegewezen handels- en
overige vorderingen
0 107.043
Handels- en overige vorderingen
intra-segment
12.543 2.835 23.260 -38.638 0
Niet-toegewezen overige activa 11.239
Totale activa -595.180 1.175.776
VERPLICHTINGEN
Lange termijn leningen 324.488 82.734 6.096 413.317
Korte termijn leningen 58.838 14.242 7.554 80.634
Leningen intra-segment 49.892 71.372 435.278 -556.542 0
Overige schulden & derivaten 36 -40 10 7
Lange termijn voorzieningen 2.397 11.638 13.368 27.403
Totaal segment verplichtingen 435.651 179.946 462.306 -556.542 521.361
Niet-toegewezen eigen vermogen 0 482.138
Niet-toegewezen handels- en
overige schulden
0 164.492
Handels- en overige schulden intra-segment 7.346 22.660 8.632 -38.638 0
Niet-toegewezen overige verplichtingen 0 7.785
Totaal eigen vermogen en verplichtingen -595.180 1.175.776
KASSTROOMOVERZICHT
Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten 74.381 59.350 -17.698 116.033
Kasstroom uit investeringsactiviteiten 13.829 -44.671 -2.851 -33.693
Kasstroom uit financieringsactiviteiten -91.118 85.161 -384.093 -390.050
Wisselkoersfluctuaties 224
Totale kasstroom -2.908 99.840 -404.641 0 -307.485
Bijkomende informatie
Investeringen -32.864 -3.240 -1.901 -38.005
Inkomsten uit verkoop 46.693 191 62 46.946

TOELICHTING 3 - RECONCILIATIE SEGMENTRAPPORTERING

Management kijkt de financiële informatie van elk operationeel segment na op basis van de proportionele consolidatiemethode. De onderstaande tabellen reconciliëren de financiële informatie zoals weergegeven in de geconsolideerde balans en in de geconsolideerde resultatenrekening (dewelke opgesteld werden in overeenstemming met IFRS 11 volgens de vermogensmutatiemethode) met de financiële informatie weergegeven in Toelichting 2 Segmentrapportering (dewelke werden opgesteld volgens de proportionele consolidatiemethode).

Reconciliatie segment rapportering 2024

(In duizenden USD)
Voor het jaar eindigend op 31 december 2024
Proportionele
consolidatie
Verschil Vermogens
mutatiemethode
Opbrengsten 434.893 -85.982 348.911
Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa 105.834 -3.217 102.617
Overige bedrijfsopbrengsten 4.328 -2 4.325
Operationele kosten van schepen -181.930 18.659 -163.271
Gebruikte grondstoffen en hulpstoffen -10.441 0 -10.441
Algemene en administratieve kosten -39.988 636 -39.352
Personeelskosten -44.728 8 -44.719
Afschrijvingen -64.599 32.898 -31.702
Waardeverminderingen en terugnames -2.742 0 -2.742
Verlies gerealiseerd bij verkoop van vaste activa 1 0 1
Overige bedrijfskosten 5.790 827 6.617
Resultaat uit bedrijfsactiviteiten 206.419 -36.174 170.245
Intrestopbrengsten 13.742 -4.471 9.271
Intrestkosten -36.156 18.364 -17.793
Andere financiële opbrengsten 12.304 -171 12.133
Andere financiële kosten -6.865 180 -6.685
Resultaat voor belastingen en voor aandeel in
het resultaat in geassocieerde ondernemingen
en joint ventures
189.443 -22.272 167.171
Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen
en joint ventures (na belastingen)
2.708 22.231 24.938
Belastingen op het resultaat -11.160 42 -11.118
Resultaat van de periode 180.991 0 180.991

5.2 Geconsolideerde jaarrekening

(In duizenden USD) Proportionele Vermogens
31 december 2024 consolidatie Verschil mutatiemethode
Schepen en platformen 633.325 -264.751 368.575
Andere materiële vaste activa 2.336 0 2.336
Immateriële activa 288 -113 175
Gebruiksrechten 34.402 -30.149 4.253
Investeringen in geassocieerde ondernemingen
en joint ventures
1.082 158.605 159.687
Overige lange termijn vorderingen 260 0 260
Afgeleide financiële instrumenten 2.047 -1.462 586
Uitgestelde belastingvorderingen 4.635 0 4.635
Financiële activa via reële waarde aan FVPTL 61.133 -112 61.021
Vaste activa 739.508 -137.980 601.528
Activa aangehouden voor verkoop 32.467 -17.736 14.731
Afgeleide financiële instrumenten 1.072 0 1.072
Financiële activa via reële waarde aan FVPTL -112 112 0
Handels- en overige vorderingen 137.372 -13.486 123.886
Leningen aan geassocieerde ondernemingen
en joint ventures
2.311 -2.263 48
Actuele belastingvorderingen 4.184 0 4.184
Kas en kasequivalenten 355.025 -80.288 274.737
Vlottende activa 532.320 -113.661 418.658
Totale activa 1.271.828 -251.642 1.020.186
Eigen vermogen 609.626 0 609.626
Leningen 473.494 -195.700 277.794
Overige schulden & derivaten 1.266 -26 1.240
Personeelsbeloningen 785 0 785
Lange termijn voorzieningen 19.579 -291 19.289
Verplichtingen op lange termijn 495.125 -196.016 299.109
Leningen 79.425 -40.666 38.759
Handels- en overige schulden 81.205 -14.953 66.252
Te betalen winstbelastingen 6.447 -6 6.441
Verplichtingen op korte termijn 167.077 -55.625 111.452
Totaal eigen vermogen en verplichtingen 1.271.828 -251.642 1.020.186

Reconciliatie segment rapportering 2023

(In duizenden USD) Proportionele Verschil Vermogens
Voor de 12 maanden eindigend op 31 december 2023 consolidatie mutatiemethode
Opbrengsten 578.289 -90.971 487.318
Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa 7.436 -6.569 868
Overige bedrijfsopbrengsten 4.020 0 4.020
Operationele kosten van schepen -312.032 23.301 -288.731
Gebruikte grondstoffen en hulpstoffen -23.279 0 -23.279
Algemene en administratieve kosten -29.335 148 -29.187
Personeelskosten -46.176 0 -46.176
Afschrijvingen -62.281 28.325 -33.956
Waardeverminderingen en terugnames 2.701 0 2.701
Verlies gerealiseerd bij verkoop van vaste activa -82 0 -82
Overige bedrijfskosten -24.407 51 -24.356
Resultaat uit bedrijfsactiviteiten 94.855 -45.715 49.140
Intrestopbrengsten 22.209 -4.248 17.961
Intrestkosten -28.437 17.499 -10.938
Andere financiële opbrengsten -1.374 2.747 1.373
Andere financiële kosten -11.033 -2.482 -13.515
Resultaat voor belastingen en voor aandeel
in het resultaat in geassocieerde ondernemingen
en joint ventures
76.219 -32.199 44.020
Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen
en joint ventures (na belastingen)
199 31.937 32.136
Belastingen op het resultaat -4.411 263 -4.148
Resultaat van de periode 72.007 0 72.007

5.2 Geconsolideerde jaarrekening

(In duizenden USD) Proportionele Vermogens
31 december 2023 consolidatie Verschil mutatiemethode
Schepen en platformen 692.236 -276.489 415.747
Andere materiële vaste activa 15.970 0 15.970
Immateriële activa 314 0 314
Gebruiksrechten 41.343 -31.682 9.661
Investeringen in geassocieerde ondernemingen
en joint ventures
611 134.777 135.388
Leningen aan geassocieerde ondernemingen
en joint ventures
911 -911 0
Uitgestelde belastingvorderingen 4.429 -1 4.429
Financiële activa via reële waarde aan FVPTL 37.928 -1 37.928
Vaste activa 793.743 -174.306 619.437
Afgeleide financiële instrumenten 550 0 550
Voorraden 15.134 0 15.134
Handels- en overige vorderingen 107.043 -9.659 97.384
Leningen aan geassocieerde ondernemingen
en joint ventures
11.597 0 11.597
Actuele belastingvorderingen 5.899 1 5.900
Kas en kasequivalenten 241.809 -64.879 176.930
Vlottende activa 382.033 -74.537 307.496
Totale activa 1.175.776 -248.843 926.933
Eigen vermogen 482.138 0 482.138
Leningen 413.317 -193.486 219.831
Overige schulden & derivaten 7 -7 0
Personeelsbeloningen 999 0 999
Lange termijn voorzieningen 27.403 -2.397 25.006
Uitgestelde belastingschulden 3.026 0 3.026
Verplichtingen op lange termijn 444.752 -195.890 248.863
Leningen 80.634 -35.154 45.480
Handels- en overige schulden 164.492 -17.583 146.909
Te betalen winstbelastingen 3.760 -216 3.544
Verplichtingen op korte termijn 248.886 -52.953 195.932
Totaal eigen vermogen en verplichtingen 1.175.776 -248.843 926.933

TOELICHTING 4 - DESINVESTERINGEN

Verkoop van 100% van de aandelen in Bexco NV

Op 21 mei 2024 sloten EXMAR en Bekaert een aandelenkoopovereenkomst om alle aandelen van Bexco NV, producent van precisie ontworpen synthetische meer-, sleep- en hijstouwen voor offshore, marine en industriële toepassingen, gevestigd in België, te verkopen voor een vergoeding in contanten van EUR 40 miljoen. De effectieve datum was 30 april 2024, de datum waarop Bexco NV de consolidatiekring van de Groep heeft verlaten.

De bijdrage van Bexco NV in 2024 aan de omzet en nettowinst van de Groep bedroeg respectievelijk USD 20,2 miljoen en USD 2,8 miljoen (2023: USD 42,1 miljoen en USD 1,7 miljoen).

De balans op de datum van de exit van Bexco NV en de impact op de winst- en verliesrekening en het kasstroomoverzicht kan als volgt worden gedetailleerd:

(In duizenden USD) Saldo per
30 april 2024
Overige materiële vaste activa 13.881
Immateriële activa 266
Gebruiksrechten 4.748
Afgeleide financiële instrumenten 387
Voorraden 16.869
Handels- en overige vorderingen 12.965
Kas en kasequivalenten 1.205
Leningen -7.465
Uitgestelde belastingschulden -2.724
Handels- en overige schulden -16.267
Te betalen winstbelastingen -525
Invloed van netto activa op de balans van de Groep 23.341
Valutaomrekeningsreserve en aanpassingen -778
Ontvangen vergoeding 43.152
Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa 20.589
Effect op kasstroom 41.955

TOELICHTING 5 - OPBRENGSTEN

Voor de periode eindigend op 31 december (In duizenden USD) 2024 2023
Shipping segment 53.988 52.553
Infrastructure segment - gewone opbrengsten 208.183 371.226
Diensten segment - gewone opbrengsten 86.740 63.539
Opbrengsten 348.911 487.318

De stijging van de totale opbrengsten in het segment Shipping is voornamelijk het gevolg van de hogere tijdbevrachtingstarieven voor de MGC vloot.

De Opbrengsten in het segment Infrastructure daalden in 2024 als gevolg van de lagere opbrengsten uit engineering, aankoop en bouwcontracten voor het Marine XII project in Congo en de FSRU EEMSHAVEN LNG, gedeeltelijk gecompenseerd door hogere opbrengsten uit engineering projecten uitgevoerd door EXMAR Offshore Company, in Houston.

De stijging van de bedrijfsopbrengsten bij het segment Diensten is het gecombineerde effect van een lagere omzetbijdrage van Bexco NV, die de consolidatiekring van de Groep verliet vanaf mei 2024, gecompenseerd door hogere bedrijfsopbrengsten uit de offshore accommodatieplatformen en hogere bedrijfsopbrengsten uit scheepsmanagement als gevolg van de O&M diensten voor het ENI Congo project.

Opbrengsten die binnen het toepassingsgebied van IFRS 16 Leasing vallen vertegenwoordigden 29,3% (2023: 18,5%) van de totale opbrengsten en zijn gesitueerd in het segment Scheepvaart en Infrastructure. Opbrengsten die binnen het toepassingsgebied van IFRS 15 Opbrengsten uit contracten met klanten vallen, vertegenwoordigden 70,7% (2023: 81,5%) van de totale opbrengsten en situeren zich voornamelijk in het segment Infrastructure en het segment Diensten.

Belangrijke scheepvaartklanten Equinor (ex-Statoil), Petron Singapore Trading Pte Ltd en SHV Gas Supply and Risk Management vertegenwoordigden respectievelijk 55,8% (2023: 57,4%), 9,7% (2023: 13,0%) en 5,8% (2023: 5,7%) van de opbrengsten van het segment Shipping. Deze drie klanten droegen respectievelijk 8,6% (2023: 6,2%), 1,5% (2023: 1,4%) en 0,9% (2023: 0,6%) bij tot de inkomsten van de EXMAR Groep in 2024. In 2023 vertegenwoordigde Nippon Gas Line Co 21,8% van de inkomsten van het segment Shipping en 2,4% van de inkomsten van de EXMAR Groep tegenover 0,0% in 2024. ENI Congo, Export LNG Limited en Gasunie vertegenwoordigden 23,5% (2023: 23,5%), 17,1% (2023: 52,3%) en 13,7% (2023: 9,2%) van de bedrijfsopbrengsten van het segment Infrastructure. Deze drie klanten vertegenwoordigen 14,0% (2023: 17,9%), 10,2% (2023: 39,8%) en 8,2% (2023: 7,0%) van de opbrengsten van de EXMAR Groep in 2024. Geen enkele andere klant vertegenwoordigt meer dan 10,0% van de opbrengsten van de EXMAR Groep in 2024.

(In duizenden USD) 2024 2023
Handelsvorderingen opgenomen in handels- en overige vorderingen
(korte + lange termijn)
94.302 45.426
Contract activa opgenomen in handels- en overige vorderingen 15.995 25.514
Contract schulden opgenomen in handels- en overige schulden 9.061 10.025
Contractsaldi 119.358 80.964

De toename van de contractsaldi in 2024 is het gevolg van vorderingen met betrekking tot de engineering- en exploitatie- en onderhoudsovereenkomsten voor TANGO FLNG en EXCALIBUR.

De contractuele activa hebben voornamelijk betrekking op de rechten van de Groep op vergoedingen voor werk dat is voltooid maar niet gefactureerd op balansdatum. De contractuele activa worden overgeboekt naar vorderingen wanneer de rechten onvoorwaardelijk worden.

De contractuele verplichtingen hebben voornamelijk betrekking op facturen voor opbrengsten uit schepen (vooruitbetaalde huur) en vooruitbetaalde bedragen voor geplande diensten. De contractuele verplichtingen aan het einde van 2023 zijn opgenomen als opbrengsten in 2024.

TOELICHTING 6 - WINST BIJ VERKOOP

(In thousands of USD) 2024 2023
Winst uit verkoop aandelen Export LNG 78.000 0
Winst uit verkoop aandelen Bexco NV 20.589 0
Overige 4.028 868
Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa 102.617 868

In 2022 verkocht EXMAR 100% van de aandelen van Export LNG Ltd, de eigenaar van de vlottende liquefactieeenheid TANGO FLNG, aan ENI. De verkoopovereenkomst bevat een prijsaanpassingsclausule tussen plus USD 44,0 miljoen en min USD 78,0 miljoen, afhankelijk van de werkelijke prestaties van de TANGO FLNG tijdens de eerste zes operationele maanden op de werf. Gezien de onzekerheden en uitdagingen met betrekking tot de opstartactiviteiten van de TANGO FLNG in Congo, heeft het management USD 78,0 miljoen uitgesteld en dit als een kortlopende voorwaardelijke vergoedingsverplichting opgenomen in de overige kortlopende schulden in 2023 (zie Toelichting 30 - Handelsschulden en overige schulden).

Na succesvolle prestatietests in het vierde kwartaal van 2024 is de voorziening van USD 78 miljoen vrijgevallen. De liquefactie van aardgas aan boord van de Tango FLNG werd gecontroleerd tijdens de eerste maanden van de exploitatie. De tests hebben aangetoond dat de werkelijke productie van LNG de gegarandeerde niveaus heeft overschreden, met een aangepaste jaarlijkse equivalente productie van meer dan 0,6 miljoen ton per jaar.

Als gevolg van de verkoop van de 100% aandelen van Bexco op 21 mei 2024 realiseerde EXMAR een eenmalige winst van USD 20,6 miljoen. Details over de activa en passiva met betrekking tot de transactie zijn terug te vinden in Toelichting 4 - Desinvesteringen.

De overige winsten bij verkoop in 2024 hebben voornamelijk betrekking op twee verkochte drukschepen.

TOELICHTING 7 - OPERATIONELE KOSTEN VAN SCHEPEN EN TECHNISCHE PROJECTKOSTEN

Voor de periode eindigend op 31 december (In duizenden USD) 2024 2023
Operationele kosten bemanning -39.472 -33.281
Operationele kosten onderhoud -96.262 -217.301
Operationele kosten verzekeringen -1.928 -1.815
Operationele kosten overige 1.193 -10.716
Technische projectkosten uitbesteding en outsourcing -15.741 -12.489
Technische projectkosten bronbelasting klantprojecten -11.061 -13.128
Operationele kosten van schepen & technische projectkosten -163.271 -288.731

De operationele kosten van schepen werden uitgebreid met de kosten voor technische projecten per 31 december 2024.

Operationele kosten van schepen zijn uitgaven voor de exploitatie van een schip en omvatten voornamelijk bemanning, onderhoud, verzekeringen en andere gerelateerde kosten. Operationele kosten van schepen omvatten geen afschrijvingen.

Technische projectkosten omvatten de kosten die worden gemaakt om aan klantencontracten te voldoen en omvatten voornamelijk vergoedingen aan onderaannemers, vergoedingen aan consultants die voor het project werken en de bronbelastingen op buitenlandse activiteiten. De scheeps- en engineeringkosten zijn exclusief personeelskosten van het walpersoneel.

De daling van de kosten voor scheeps- en engineeringprojecten in 2024 ten opzichte van 2023 is voornamelijk het gevolg van de lagere kosten in verband met de engineering-, aankoop- en ombouwcontracten voor de TANGO FLNG en EXCALIBUR FSU door de voltooiing van de ombouwwerkzaamheden begin 2024.

TOELICHTING 8 – AANKOPEN GOEDEREN

In 2024 registreerde EXMAR voor USD 10,4 miljoen aankopen van goederen met betrekking tot de vervaardiging van touwen bij Bexco NV, vergeleken met USD 23,3 miljoen in 2023. Deze daling is het gevolg van het feit dat Bexco de consolidatiekring heeft verlaten na de verkoop van 100% van de aandelen in mei 2024.

TOELICHTING 9 - ALGEMENE EN ADMINISTRATIEVE KOSTEN

Voor de periode eindigend op 31 december (In duizenden USD) 2024 2023
Administratieve kosten -34.265 -21.990
Vrachtkosten -817 -1.787
Niet op inkomsten gebaseerde belastingen -1.759 -735
Overige kosten -2.511 -4.675
Algemene en administratieve kosten -39.352 -29.187

In 2024 stegen de administratieve kosten voornamelijk door hogere overheadkosten in de segmenten Infrastructure en Diensten, gedeeltelijk gecompenseerd door het feit dat Bexco de consolidatiekring heeft verlaten.

TOELICHTING 10 - PERSONEELSKOSTEN

(In duizenden USD) 2024 2023
Lonen en salarissen -38.131 -38.954
Sociale lasten -5.822 -6.580
Personeelsbeloning, toegezegde pensioenregeling en toegezegde
bijdrageregeling
-766 -642
Personeelskosten -44.719 -46.176
Aan het einde van het boekjaar 2024 2023
Zeevarenden 1.219 1.514
Niet-zeevarenden 302 409
Personeelsaantal 1.521 1.923

De personeelskosten daalden als gevolg van de verkoop van Bexco met ingangsdatum 30 april 2024, deels gecompenseerd door hogere personeelskosten in het kantoor in Houston, VS.

Het personeelsaantal vertegenwoordigt het effectief aantal mensen in dienst per einde van het boekjaar (inclusief de zeevarenden van onze geassocieerde ondernemingen).

Een belangrijk deel van de zeevarenden zijn tewerkgesteld op activa van of uitgebaat door onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures, de gerelateerde kost is niet opgenomen in de personeelskosten van EXMAR zoals hierboven toegelicht.

TOELICHTING 11 – OVERIGE BEDRIJFSKOSTEN

Voor de periode eindigend op 31 december
(In duizenden USD)
2024 2023
Overige voorzieningen (+/-) 6.678 -24.204
Niet-inkomsten gerelateerde belastingen -52 -150
Overige -9 -2
Overige bedrijfskosten 6.617 -24.356

Per 31 december 2023 werden bijkomende voorzieningen geboekt voor een totaalbedrag van USD 24,2 miljoen op basis van de inschatting door het management van de potentiële uitstroom aan kasmiddelen. Bijkomende voorzieningen werden aangelegd voor de vroegere huurovereenkomst van LNG Carrier EXCEL, verplichtingen onder de engineering-, aankoop- en bouwcontracten voor het Marine XII project in Congo (USD 11,6 miljoen) en een vordering van een buitenlandse belastingautoriteit (USD 12,2 miljoen).

In het vierde kwartaal van 2024 werd een overeenkomst bereikt over het geschil over de voormalige leaseovereenkomst van de LNG Carrier EXCEL voor een bedrag van USD 6,3 miljoen (waarvan 50% ten laste van EXMAR).

Het schip LNGC EXCEL werd gefinancierd door middel van een leaseovereenkomst in het Verenigd Koninkrijk, die in augustus 2013 werd beëindigd. De belastingdienst van het Verenigd Koninkrijk (HMRC) had vragen gesteld over de fiscale behandeling van de lease en over het recht op het ontvangen van een kapitaalaftrek geclaimd door de verhuurder.

In 2023 werd het bedrijf geïnformeerd dat er recentelijk besprekingen hadden plaatsgevonden tussen de verhuurder en HMRC, dat er enkele afsluitingsberichten waren ontvangen en dat er betalingen waren gedaan door de verhuurder.

In 2024 werd de voorziening voor een totaalbedrag van USD 10,4 miljoen teruggenomen naar aanleiding van een akkoord voor een lager bedrag.

De bijkomende voorzieningen van 2024 voor een totaalbedrag van USD 3,6 miljoen stemmen overeen met verplichtingen in het kader van de engineering-, aankoop- en bouwcontracten voor het Marine XII project in Congo.

TOELICHTING 12 - FINANCIEEL RESULTAAT

Voor de periode eindigend op 31 december
(In duizenden USD)
2024 2023
Intresten op leningen aan geassocieerde ondernemingen en JV 1.951 1.217
Intresten uit kas en kasequivalenten 7.320 16.744
Intrestopbrengsten 9.271 17.961
Intrestkosten op rentedragende leningen -17.183 -10.537
In resultaat genomen transactiekosten -610 -402
Intrestkosten -17.793 -10.938

De interestopbrengsten uit kas en kasequivalenten daalden aanzienlijk als gevolg van de lagere gemiddelde korte termijndeposito's in 2024 vergeleken met het gemiddelde in 2023.

De intrestkosten hebben betrekking op de leningen van EXMAR zoals vermeld in Toelichting 27 Leningen. De stijging met USD 6,6 miljoen is voornamelijk te wijten aan (i) de EEMSHAVEN-lening die in december 2023 van start ging, (ii) de EXCALIBUR-lening (CMFL) die in augustus 2024 van start ging, gedeeltelijk gecompenseerd door lagere intrestkosten bij de leningen voor LPG drukschepen, na het lichten van bijkomende vervroegde aankoopopties in 2024.

Voor de periode eindigend op 31 december
(In duizenden USD)
2024 2023
Gerealiseerde wisselkoerswinsten 1.146 351
Niet-gerealiseerde wisselkoerswinsten 6.813 756
Dividend van niet-geconsolideerde ondernemingen 35 19
Terugname waardevermindering aandelen - gewaardeerd aan FVTPL 2.965 0
Toename reële waarde van financiële instrumenten 1.072 -42
Overige 100 289
Andere financiële opbrengsten 12.133 1.373
Gerealiseerde wisselkoersverliezen -1.784 -7.608
Niet-gerealiseerde wisselkoersverliezen -2.006 -1.051
Bankkosten -261 -389
Overige -2.635 -4.467

De overige financiële opbrengsten stegen met USD 10,9 miljoen en zijn voornamelijk het resultaat van de winst uit de herwaardering van de aandelen in Vantage Drilling en in Ventura tegen reële waarde met verwerking in de winsten verliesrekening (zie toelichting 21 Financiële activa aan FVTPL) en hogere niet-gerealiseerde wisselkoersresultaten in België en Congo op USD-vorderingen.

De overige financiële kosten daalden met USD 6,6 miljoen in vergelijking met 2023 door lagere gerealiseerde wisselkoersverliezen.

TOELICHTING 13 - WINSTBELASTINGEN

(In duizenden USD) 2024 2023
-7.675
Belastingen over het boekjaar -11.093
Correcties op voorgaande boekjaren -289 111
Winstbelastingen -11.402 -7.563
Uitgestelde winstbelasting 284 3.415
Winstbelastingen -11.118 -4.148
AANSLUITING
Resultaat voor belasting 192.109 76.155
Belastingen aan nationaal tarief -25,00% -48.027 -25,00% -19.039
Taks impact aandeel in het resultaat van geass.
ondernemingen en JV
5.617 8.235
Aanpassing voor:
Impact belastingtarieven in andere landen 25.975 5.214
Niet-aftrekbare kosten -336 -415
Overige belastingen 0 -85
Verliezen van het boekjaar en belastingkredieten
waarvoor geen uitgestelde belastingvordering
werd opgezet
-2.931 2.270
Aanwending fiscaal overgedragen verliezen,
belastingkredieten en overige belastingvoordelen
waarvoor voordien geen uitgestelde belastingvordering
werd opgezet
7.554 2.655
Niet-aangewende fiscaal overgedragen verliezen onder
het Belgische tonnage taks regime
-1.920 -2.617
Fiscaal vrijgestelde opbrengsten 2.906 -478
Aanpassingen met betrekking tot voorgaande boekjaren 44 111
Aansluiting met het effectieve belastingtarief 1 -5,8% -11.118 -5,4% -4.149
  1. Het effectieve belastingtarief berekend als winstbelastingen over het resultaat voor belastingen, gecorrigeerd voor het aandeel in de winst van investeringen verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode, bedraagt 6,6% (2023: 9,4%).

TOELICHTING 14 - SCHEPEN EN PLATFORMEN

(In duizenden USD)
Aanschaffingswaarde
Shipping Infrastructure Schepen in aan
bouw - vooruit
betalingen
Totaal
Saldo per 1 januari 2023 276.542 241.993 0 518.535
Mutaties tijdens het boekjaar
Verwervingen 1.368 2.850 0 4.218
Verkopen/buitengebruikstellingen 0 -7.714 0 -7.713
Vervroegde aankoopoptie 4.532 0 0 4.532
Saldo per 31 december 2023 282.443 237.130 0 519.572
Saldo per 1 januari 2024 282.443 237.130 0 519.572
Mutaties tijdens het boekjaar
Verwervingen 6.883 275 0 7.157
Vervroegde aankoopoptie 3.267 0 0 3.267
Verkopen/buitengebruikstellingen -24.452 0 0 -24.452
Transfer naar activa aangehouden
voor verkoop
-26.650 0 0 -26.650
Saldo per 31 december 2024 241.490 237.405 0 478.895
Afschrijvingen en waardeverminderingen
Saldo per 1 januari 2023 44.804 35.766 0 80.570
Mutaties tijdens het boekjaar
Afschrijvingen 20.357 10.231 0 30.588
Verkopen/buitengebruikstellingen 0 -7.332 0 -7.332
Saldo per 31 december 2023 65.160 38.665 0 103.826
Saldo per 1 januari 2024 65.160 38.665 0 103.826
Mutaties tijdens het boekjaar
Afschrijvingen 18.592 10.201 0 28.793
Verkopen/buitengebruikstellingen -10.380 0 0 -10.380
Transfer naar activa aangehouden voor
verkoop
-11.918 0 0 -11.918
Saldo per 31 december 2024 61.454 48.866 0 110.321
Netto boekwaarde
Netto boekwaarde per 31 december 2023 217.283 198.464 0 415.747
Netto boekwaarde per 31 december 2024 180.036 188.538 0 368.575

In 2024 en 2023 hebben de verwervingen betrekking op geactiveerde droogdokkosten voor schepen in de segmenten Shipping en Infrastructure. De kosten van schepen stegen in 2024 als gevolg van het lichten van de vervroegde aankoopoptie voor twee drukschepen.

In 2024 werden twee drukschepen verkocht in het vierde kwartaal van 2024 wat resulteerde in een winst van USD 4 miljoen (zie Toelichting 6 - Winst bij verkoop). Twee drukschepen werden overgebracht naar activa aangehouden voor verkoop met een verwachte oplevering in het eerste kwartaal van 2025 (USD 14,7 miljoen). De impact van de vier schepen samen, is een daling van de netto boekwaarde in het segment Shipping met USD 28,6 miljoen.

De schepen zijn verpand gegeven als zekerheid voor de gerelateerde onderliggende verplichtingen. We verwijzen naar Toelichting 27 Leningen voor meer informatie over deze onderliggende verplichtingen.

Waardevermindering

Voor de schepen dewelke in volle eigendom worden aangehouden, werden interne en externe aanwijzingen geëvalueerd dewelke aangeven dat de vloot al dan niet getest dient te worden op het bestaan van een mogelijke waardevermindering. De boekwaarde van de vloot wordt vergeleken met de realiseerbare waarde van de vloot, dewelke de hoogste waarde is van de reële waarde verminderd met de verkoopkosten en de gebruikswaarde.

De reële waarde minus verkoopkosten is gebaseerd op de gemiddelde reële marktwaarde zoals vastgesteld door twee onafhankelijke scheepsmakelaars of recente markttransacties voor vergelijkbare activa. De reële waarde wordt gecorrigeerd met een gemiddelde makelaarscommissie, dewelke moet worden betaald wanneer een schip wordt verkocht. De gebruikswaarde is gebaseerd op de verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd naar hun huidige waarde en rekening houdende met de huidige marktverwachtingen met betrekking tot vrachttarieven, tewerkstelling en operationele kosten. Het model bevat bovendien ook assumpties voor onder meer toekomstige huuropbrengsten, duurtijd van het contract en de inactiviteitsperiode tussen twee contracten. De operationele kasstromen zijn gebaseerd op interne informatie en een gevoeligheidsanalyse wordt uitgevoerd voor iedere assumptie. Het verdisconteerde kasstroommodel gebruikt door het management omvat kasstromen voor de resterende levensduur van de vloot in eigendom. Kasstromen voor de eerste drie jaren worden door het management ingeschat op basis van ervaringen uit het verleden en de huidige marktverwachtingen met betrekking tot volumes en vrachttarieven. Vrachttarieven en operationele kosten na deze periode van drie jaar worden verwacht te evolueren in lijn met de geschatte inflatie. De gebruikte disconteringsvoet is een gewogen gemiddelde kapitaalkost van 11,2% voor het LPG scheepvaartsegment (2023: 7,6%), 9,53% voor het LNG scheepvaartsegment (2023: 9,0%) en 12,2% voor het Infrastructure segment (2023: 11,8%).

Voor schepen onder joint venture eigendom worden de triggers voor een waardevermindering op dezelfde manier geëvalueerd als voor de vloot in volledige eigendom. We verwijzen in dit verband naar Toelichting 17 - Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures.

Zowel in 2024 als in 2023 boekte EXMAR geen waardeverminderingen.

TOELICHTING 15 - ANDERE MATERIËLE VASTE ACTIVA

(In duizenden USD) Terreinen en Machines en Meubilair en Totaal
Aanschaffingswaarde gebouwen uitrusting installatie
Saldo per 1 januari 2023 11.081 7.020 3.366 21.467
Mutaties tijdens het boekjaar
Verwervingen 339 1.466 536 2.340
Transfers 167 -192 -55 -79
Verkopen/buitengebruikstellingen -15 -351 -219 -584
Wisselkoersverschillen 410 247 3 661
Saldo per 31 december 2023 11.982 8.190 3.632 23.804
Saldo per 1 januari 2024 11.982 8.190 3.632 23.804
Mutaties tijdens het boekjaar
Verwervingen 149 158 919 1.226
Transfers 426 -659 190 -43
Verkopen/buitengebruikstellingen 0 0 -159 -159
Out of consolidation Scope -8.682 -6.330 -191 -15.203
Wisselkoersverschillen -223 -20 -72 -314
Saldo per 31 december 2024 3.653 1.339 4.319 9.311
Afschrijvingen en waardeverminderingen
Saldo per 1 januari 2023 3.202 1.027 2.681 6.910
Mutaties tijdens het boekjaar
Afschrijvingen 289 822 274 1.385
Verkopen/buitengebruikstellingen -15 -349 -205 -569
Wisselkoersverschillen 124 94 -110 108
Saldo per 31 december 2023 3.600 1.594 2.640 7.834
Saldo per 1 januari 2024 3.600 1.594 2.640 7.834
Mutaties tijdens het boekjaar
Afschrijvingen 135 407 242 784
Transfers 0 -41 28 -14
Verkopen/buitengebruikstellingen 0 0 -45 -45
Out of consolidation Scope -397 -852 -73 -1.322
Wisselkoersverschillen -197 -6 -59 -262
Saldo per 31 december 2024 3.140 1.102 2.733 6.975
Netto boekwaarde
Netto boekwaarde per 31 december 2023 8.382 6.596 992 15.970
Netto boekwaarde per 31 december 2024 512 238 1.586 2.336

De belangrijkste gebeurtenis in 2024 die een impact heeft op de nettoboekwaarde van overige materiële vaste activa met USD 13,9 miljoen is de verkoop van Bexco met ingangsdatum 30 april 2024 (zie Toelichting 4 - Desinvesteringen).

De verwervingen in 2023 zijn goed voor USD 2,3 miljoen en hebben voornamelijk betrekking op machines en uitrusting.

TOELICHTING 16 - GEBRUIKSRECHTEN

De Groep heeft voor de eerste maal IFRS 16 toegepast per 1 januari 2019. IFRS 16 introduceerde één enkel model voor de boekhoudkundige verwerking van leaseovereenkomsten voor de leasingnemer. Bijgevolg heeft de Groep een gebruiksrecht en een leaseverplichting erkend om de onderliggende verplichting tot lease betalingen uit te drukken. We verwijzen naar Toelichting 27 Leningen voor de leasingschulden.

(In duizenden USD) Gebouwen IT materiaal Totaal
AANSCHAFFINGSWAARDE
Saldo per 1 januari 2023 14.002 1.151 15.152
Mutaties tijdens het boekjaar
Verwervingen 854 0 854
T
oename/(Afname) door bedrijfscombinatie
-198 0 -198
Beëindigingen -670 -317 -987
Wisselkoersverschillen 312 0 312
Contract herwaardering/contractaanpassing -86 -14 -100
Saldo per 31 december 2023 14.214 821 15.033
Saldo per 1 januari 2024 14.214 821 15.033
Mutaties tijdens het boekjaar
Verwervingen 235 93 329
T
oename/(Afname) door bedrijfscombinatie
-4.748 0 -4.748
Beëindigingen -174 0 -174
Wisselkoersverschillen -390 -10 -400
Contract herwaardering/contractaanpassing 1.250 36 1.286
Saldo per 31 december 2024 10.388 940 11.326
AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN
Saldo per 1 januari 2023 3.858 384 4.242
Mutaties tijdens het boekjaar
Afschrijvingen 1.599 234 1.833
Beëindigingen -193 -317 -510
Wisselkoersverschillen -203 10 -193
Saldo per 31 december 2023 5.062 311 5.373
Saldo per 1 januari 2024 5.062 311 5.373
Mutaties tijdens het boekjaar
Afschrijvingen 1.779 189 1.968
Beëindigingen -174 0 -174
Wisselkoersverschillen -91 -3 -94
Saldo per 31 december 2024 6.576 498 7.074
NETTO BOEKWAARDE
Netto boekwaarde per 31 december 2023 9.152 510 9.661
Netto boekwaarde per 31 december 2024 3.812 442 4.253

De daling van de netto boekwaarde van de activa met gebruiksrechten met USD 5,4 miljoen in 2024 is voornamelijk het gevolg van de verkoop van Bexco met ingangsdatum 30 april 2024 (zie Toelichting 4 - Desinvesteringen) met een netto-impact van USD 4,8 miljoen op de activa met gebruiksrechten.

TOELICHTING 17 - INVESTERINGEN IN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES

De beweging in investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures kan als volgt worden gedetailleerd:

(In duizenden USD) 2024 2023
Saldo per 1 januari 135.388 107.082
Wijzigingen gedurende het jaar:
Aandeel in winst/(verlies) 25.798 32.136
Wijzigingen in het geconsolideerd overzicht van niet-gerealiseerd resultaten
van geassocieerde ondernemingen en joint ventures
606 -2.155
T
oewijzing negatief eigen vermogen en waardevermindering
-207 0
T
oename (Afname) door bedrijfscombinaties en overige aandelen transacties
0 154
Dividenden -1.769 -1.772
Wisselkoersverschillen -14 -59
Overige -113 2
Balans op 31 december 159.689 135.388

Het aandeel in de winst van investeringen verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode van USD 25,8 miljoen in 2024 is toe te schrijven aan de bijdrage van de SEAPEAK LPG joint ventures en de winst op de verkoop van het accommodatieplatform WARIBOKO door Electra Offshore Ltd, een 40% deelneming.

EXMAR heeft waarborgen verstrekt aan financiële instellingen die kredietfaciliteiten hebben verleend aan haar geassocieerde ondernemingen ene joint ventures. Op 31 december 2024 stond een bedrag van USD 381,4 miljoen (december 2023: USD 475,2 miljoen) uit onder dergelijke kredietovereenkomsten, waarvan EXMAR USD 190,7 miljoen (december 2023: USD 237,6 miljoen) heeft gewaarborgd. EXMAR heeft geen materiële latente verplichtingen tegenover haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures. Buiten de hierboven vermelde garanties heeft EXMAR geen andere verplichtingen tegenover haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures.

Als gevolg van wettelijke vereisten of financieringsovereenkomsten kunnen onze joint ventures of geassocieerde maatschappijen worden beperkt in het doen van uitkeringen in contanten, zoals dividendbetalingen of terugbetalingen van aandeelhoudersleningen. Onder de leningsovereenkomsten mogen onze joint ventures of geassocieerde maatschappijen alleen een uitkering doen als deze uitkering niet leidt tot een geval van verzuim of een schending van een convenant. Onder het vennootschapsrecht zijn dividenduitkeringen beperkt wanneer het eigen vermogen minder zou zijn dan het bedrag van het gestorte kapitaal verhoogd met de onbeschikbare reserves.

Voor de vloot in joint venture eigendom worden de aanwijzingen voor waardevermindering op dezelfde manier geëvalueerd als voor de vloot in volledige eigendom. We verwijzen naar Toelichting 14 Schepen en platformen voor meer informatie over dit onderwerp. Er waren geen wijzigingen in de waardeverminderingen op schepen, verwerkt in de resultatenrekening volgens de vermogensmutatie.

TOELICHTING 18 - FINANCIËLE INFORMATIE GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES

EXMAR heeft geen verplichtingen jegens haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures en heeft de volgende activa:

(In duizenden USD) 2024 2023
Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures:
Joint ventures 156.643 134.776
Geassocieerde ondernemingen 3.046 612
Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures:
Lange termijn - Bruto 2.037 2.047
Lange termijn - Waardevermindering -2.037 -2.047
Korte termijn (of huidig deel van lange termijn) - Bruto 700 11.597
Korte termijn (of huidig deel van lange termijn) - Waardevermindering -652 0
Handels- en overige vorderingen (zie ook Toelichting 35 - Verbonden partijen)
Bruto bedrag 8.277 12.858
Waardervermindering -6.844 -4.607
Totaal 161.170 155.236

De investeringen kunnen per jaareinde 2024 als volgt worden gedetailleerd:

Joint ventures Segment JV partner Beschrijving activiteiten
Estrela Ltd Infrastructure ASS Eigenaar van het accommodatieplatform NUNCE
EXMAR Gas Shipping Ltd Shipping SEAPEAK Voorheen eigenaar van het midsize-schip
TOURAINE-zonder activiteit
EXMAR LPG BV Shipping SEAPEAK Holding voor EXMAR-Seapeak activiteiten
EXMAR Shipping BV Shipping SEAPEAK Eigenaar van 17 midsize schepen, waarvan zes
schepen onder financiële leasing
Good Investment Ltd Shipping SEAPEAK Voorheen tijdscharterovereenkomst voor de VLGC
BW TOKYO, zonder activiteit sinds 2023
Monteriggioni Inc Shipping MOL Eigenaar van de LNG tanker EXCEL, dewelke in 2017
werd verkocht - zonder activiteit
EXMAR LPG France Shipping SEAPEAK In 2024 nieuw opgerichte vennootschap, welke de
komende jaren verschillende midsize schepen in
aanbouw zal verwerven, welke behoren tot het gas
segment (de schepen zijn in aanbouw en zullen in
de periode 2025-2027 geleverd worden).
Geassocieerde
ondernemingen
Segment Eigendoms% Beschrijving activiteiten
Ecos Srl Diensten 33,30% Ship Management en aanverwante dienstverlening
Marpos NV Diensten 45,00% Levert afvaloplossingen voor de maritieme industrie
Electra Offshore Ltd Infrastructure 40,00% Eigenaar van het accommodatieplatform
WARIBOKO
Exview Hong Kong Ltd Infrastructure 40,00% Bareboat eigenaar van het accommodatieplatform
WARIBOKO
Springmarine Nigeria Ltd Infrastructure 40,00% Tijdcharterovereenkomst voor het
accommodatieplatform WARIBOKO

In 2024 richtte de Groep EXMAR LPG France op, waarvan ze 50% bezit.

In 2024 boekte de Groep een bijkomende waardevermindering op de handels- en overige vorderingen op haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures, Exview Hong Kong Ltd en Electra Offshore Ltd, voor een bedrag van USD 2,2 miljoen.

(In duizenden USD) Joint ventures Geassocieerde ondernemingen
JV partner Seapeak MOL ASS
Eigendomspercentage 50% 50% 50% 33% 45% 40%
Entiteit Totaal
Seapeak
Monte
riggioni
Estrela
Ltd
ECOS Marpos Totaal
Wariboko
onder
nemingen
TOTAAL
Vaste activa 663.932 0 7.788 237 380 -2.720 669.617
Vlottende activa 127.716 155 6.484 19.789 1.240 15.052 170.436
waarvan kas- en kasequivalenten 143.216 155 5.319 -191 896 1.591 150.986
Verplichtingen op lange termijn 519.302 0 0 -2 0 14.215 533.515
waarvan bankleningen 357.828 0 0 0 0 0 357.828
waarvan financiële leases 33.572 0 0 -2 0 0 33.570
waarvan overige leningen 0 0 0 0 0 4.715 4.715
Verplichtingen op korte termijn 175.423 1.460 1.611 19.728 373 20.414 219.009
waarvan bankleningen 31.230 0 0 0 0 0 31.230
waarvan financiële leases 48.999 0 0 -3 0 0 48.996
waarvan overige leningen 0 0 0 0 0 1.957 1.957
Opbrengsten 173.170 0 10.248 2.138 2.478 0 188.034
Afschrijvingen 64.039 0 1.756 13 88 4 65.900
Intrestopbrengsten 9.269 177 0 0 0 295 9.741
Intrestkosten 37.232 0 0 3 6 899 38.140
Belastingen op het resultaat
Winst of (verlies) uit voortgezette
84 0 0 136 164 0 384
bedrijfsactiviteiten 44.179 -1.343 1.657 69 475 8.326 53.363
Niet-gerealiseerde resultaten 1.212 0 0 0 0 0 1.212
Totaal van gerealiseerde en
niet-gerealiseerde resultaten
45.391 -1.343 1.657 69 475 8.326 54.575
0
Eigen vermogen (100%) 300.622 -1.305 12.661 300 1.247 -12.797 300.728
Aandeel van EXMAR in het
eigen vermogen
150.311 -653 6.331 100 561 -5.119 151.531
Aandeel groep in het eigen
vermogen van geassoc.
ondernemingen en JV's op
1 januari 2024
127.634 19 7.123 84 528 -7.063 128.325
Toewijzing negatief eigen ver
mogen en waardevermindering
per 1 januari 2024
7.063 7.063
Aandeel groep in het eigen
vermogen van geassoc. onder
nemingen en JV's per 1 januari
2024, na toewijzing negatief
eigen vermogen
127.634 19 7.123 84 528 0 135.388
Aandeel totaal gerealiseerd en
niet-gerealiseerde resultaten
22.680 -672 829 23 214 3.330 26.404
Dividenden 0 0 -1.623 0 -146 0 -1.769
Omrekeningsverschillen 0 0 1 20 -35 0 -14
Overige 0 0 -113 0 0 -113
Toewijzing negatief eigen
vermogen en waardevermindering
in het boekjaar 2024
0 653 0 0 0 -860 -207
Aandeel groep in het eigen
vermogen van geassoc.
ondernemingen en JV's per
31 december 2024, na toewijzing
negatief eigen vermogen
150.313 0 6.330 14 561 2.471 159.689
(In duizenden USD) Joint ventures Geassocieerde ondernemingen
JV partner Seapeak MOL ASS
Eigendomspercentage 50% 50% 50% 33% 45% 40%
Entiteit Totaal
Seapeak
Monte
riggioni
Estrela
Ltd
ECOS Marpos Totaal
Wariboko
onder
nemingen
TOTAAL
Vaste activa 611.355 0 9.543 157 405 1.392 622.852
Vlottende activa 123.626 4.881 6.835 4.961 1.269 15.318 156.890
waarvan kas- en kasequivalenten 106.993 4.881 6.821 2.036 841 1.446 123.019
Verplichtingen op lange termijn 392.404 4.794 0 152 0 13.070 410.420
waarvan bankleningen 342.907 0 0 0 0 0 342.907
waarvan financiële leases 43.985 0 0 152 0 0 44.137
waarvan overige leningen 0 0 0 0 0 4.715 4.715
Verplichtingen op korte termijn 94.708 48 2.132 4.722 500 29.650 131.761
waarvan bankleningen 32.378 0 0 0 0 0 32.378
waarvan financiële leases 36.707 0 0 7 0 0 36.714
waarvan overige leningen 0 0 0 0 0 9.848 9.848
Opbrengsten 182.109 0 10.225 0 2.479 0 194.813
Afschrijvingen 54.782 0 1.867 0 77 1.587 58.313
Waardevermindering (terugname) 0 0 0 0 0 -2.230 -2.230
Intrestopbrengsten 9.334 158 0 0 0 0 9.492
Intrestkosten 35.993 0 0 0 6 1.198 37.197
Belastingen op het resultaat 525 0 0 0 156 0 681
Winst of (verlies) uit voortgezette
bedrijfsactiviteiten
62.069 62 1.743 0 442 -9.539 54.777
Niet-gerealiseerde resultaten -4.310 0 0 0 0 0 -4.310
Totaal van gerealiseerde en
niet-gerealiseerde resultaten
57.759 62 1.743 0 442 -9.539 50.467
Eigen vermogen (100%) 255.269 39 14.246 244 1.174 0
-17.656
253.316
Aandeel van EXMAR in het
eigen vermogen
127.635 20 7.123 81 528 -7.062 128.324
Aandeel groep in het eigen
vermogen van geassoc.
ondernemingen en JV's
op 1 januari 2023
98.751 -8 7.882 0 457 -1.961 105.121
Aandeel totaal gerealiseerd en
niet-gerealiseerde resultaten
28.880 31 872 0 199 0 29.981
Toename (Afname) door
bedrijfscombinaties en overige
aandelen transacties
0 0 0 154 0 0 154
Dividenden 0 0 -1.630 0 -142 0 -1.772
Omrekeningsverschillen 0 0 0 -73 14 0 -59
Overige 3 -4 0 3 0 2
Aandeel groep in het eigen
vermogen van geassoc.
ondernemingen en JV's per
31 december 2023
127.634 19 7.123 84 528 -1.961 133.427
Toewijzing negatief eigen
vermogen en waardevermindering
0 0 0 0 0 1.961 1.961
Aandeel groep in het eigen
vermogen van geassoc.
ondernemingen en JV's per
31 december 2023, na toewijzing
negatief eigen vermogen
127.634 19 7.123 84 528 0 135.388

TOELICHTING 19 - LENINGEN AAN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES

(In duizenden USD) Shipping Infrastructure Diensten Totaal
Per 1 januari 2023 0 7.000 0 7.000
Nieuwe leningen 0 996 0 996
Toe te rekenen interest 0 1.198 0 1.198
Waardevermindering (terugname) 0 2.402 2.402
Omrekeningsverschillen 0 1 1
Per 31 december 2023 0 11.597 0 11.597
Meer dan één jaar 0 0 0 0
Minder dan één jaar 0 11.597 0 11.597
Per 1 januari 2024 0 11.597 0 11.597
Nieuwe leningen 700 0 0 700
Toe te rekenen interest 0 899 0 899
Terugbetalingen 0 -12.500 0 -12.500
Toewijzing negatief eigen vermogen
en waardevermindering
-652 0 0 -652
Omrekeningsverschillen 0 4 0 4
Per 31 december 2024 48 0 0 48
Meer dan één jaar 0 0 0 0
Minder dan één jaar 48 0 0 48

De activiteiten en activa van een aantal van onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures worden gefinancierd door aandeelhoudersleningen die door de Vennootschap zijn verstrekt aan de respectievelijke geassocieerde ondernemingen en joint ventures. Dergelijke leningen maken in wezen deel uit van de nettoinvestering in een geassocieerde deelneming of joint venture en eventuele verwachte kredietverliezen worden geboekt voordat negatieve nettoactiva worden toegewezen. In de loop van 2024 verkreeg EXMAR de terugbetaling van een lening van USD 12,5 miljoen.

Electra Offshore Ltd (segment Infrastructure) USD 0 miljoen (december 2023: USD 11,6 miljoen)

EXMAR Netherlands BV heeft in 2016 een lening verstrekt aan Electra Offshore Ltd. De lening wordt terugbetaald op basis van beschikbaarheid van liquide middelen en bouwt interest op. De interestvoet die van toepassing is op de lening is een vast percentage van 12,0%. In 2024 werden de opgebouwde interesten toegevoegd en werd de lening terugbetaald.

TOELICHTING 20 - BELASTINGVORDERINGEN EN –VERPLICHTINGEN

Actuele belastingvorderingen en -verplichtingen

31 december
(In duizenden USD) 2024 2023
Actuele belastingvorderingen 4.184 5.900
Actuele belastingverplichtingen 6.441 3.544

Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen

31 december 2024 31 december 2023
(In duizenden USD) Activa Verplichtingen Activa Verplichtingen
Andere materiële vaste activa 4.212 0 3.096 2.597
Personeelsbeloningen 131 0 170 0
Financiële instrumenten 0 0 0 138
Fiscale verliezen / tijdsverschillen 423 0 1.333 0
Overige 0 0 0 291
Uitgestelde belastingvordering/-verplichting 4.766 0 4.599 3.026
Niet-erkende belastingvordering -131 0 -170 0
Geboekte uitgestelde
belastingvorderingen en -verplichtingen
4.635 0 4.429 3.026
Aftrekbare tijdelijke verschillen 131 170
Niet-gebruikte belastinglatenties 57.818 61.061
Niet-erkende uitgestelde
belastingvorderingen/-verplichtingen
57.949 0 61.232 0

De toename van de uitgestelde belastingen in 2024 en 2023 is voornamelijk te wijten aan de boeking op groepsniveau van de uitgestelde belastingen in EXMAR Offshore Cy ten gevolge van tijdsverschillen.

Onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures hebben beperkte tijdelijke verschillen. Uitgestelde belastingvorderingen op belastingverliezen bij onze joint ventures en geassocieerde ondernemingen bedroegen eind 2024 USD 0,7 miljoen (2023: USD 0,7 miljoen) voor hun aandeel, maar werden niet erkend. De bedragen zijn niet opgenomen in bovenstaand overzicht.

Belastingvorderingen worden niet erkend indien het niet waarschijnlijk is dat er toekomstige belastbare winsten beschikbaar zullen zijn waartegen de groep de daaruit voortvloeiende voordelen kan afzetten of omdat de toekomstige belastbare winsten niet op betrouwbare basis kunnen worden vastgesteld.

De meerderheid van de fiscale verliezen en investeringsaftrek vervallen niet in de tijd.

TOELICHTING 21 – FINANCIËLE ACTIVA AAN FVTPL

(In duizenden USD) 2024 2023
Aantal genoteerde aandelen 60.259 701
Aantal niet-genoteerde aandelen 762 37.227
Financiële activa gewaardeerd aan FVTPL 61.021 37.928

De beursgenoteerde aandelen omvatten:

  • 1.605.833 aandelen van Vantage Drilling International Company (Vantage) (75.000 aandelen werden bijkomend verworven in 2024 voor USD 1,8 miljoen), wat ongeveer 12,3% van de totale aandelen in Vantage Drilling International Company (Vantage) vertegenwoordigt. Vantage staat genoteerd op de beurs van Oslo ('VDI') en heeft een waarde van USD 40,9 miljoen op 31 december 2024. Vorig jaar werd de waarde van deze activa bepaald door OTCMKTS.
  • 116.338 aandelen van Frontera Energy Corporation die op 31 december 2024 aan CAD 8,64 gewaardeerd zijn (31 december 2023: CAD 7,97).
  • 7.825.837 aandelen Ventura Offshore, verworven in 2024 voor USD 18,6 miljoen. Ventura staat genoteerd op de beurs van Oslo ('VTURA') en heeft een waarde van USD 18,6 miljoen op 31 december 2024.

De niet-beursgenoteerde aandelen omvatten:

■ 149 aandelen van Sibelco, verworven in 2014

TOELICHTING 22 - VOORRADEN

(In duizenden USD) 2024 2023
Grond- en hulpstoffen 0 7.248
Bestellingen in uitvoering 0 4.868
Handelsgoederen 0 183
Vooruitbetalingen 0 1.829
Gereed product 0 1.006
Voorraden 0 15.134

De voorraad vermindert met USD 15,1 miljoen als gevolg van de verkoop van Bexco NV in 2024 (zie Toelichting 4 Desinvesteringen).

TOELICHTING 23 - HANDELS- EN OVERIGE VORDERINGEN

(In duizenden USD) 2024 2023
Handelsvorderingen (inclusief contractactiva)-Bruto 121.668 83.753
Waardeverminderingen handelsvorderingen -11.106 -8.514
Kaswaarborgen 179 169
Overige vorderingen 8.886 15.186
Over te dragen kosten en te ontvangen opbrengsten 4.259 6.789
Balans op 31 december 123.886 97.384
Waarvan financiële activa 116.824 87.943

De stijging van de handels- en overige vorderingen in 2024 is voornamelijk het gevolg van de uitstaande vorderingen in de Congolese branch met betrekking tot de huur van accommodatieplatform NUNCE en de ingenieursonderhouds- en operationele diensten voor het Marine XII project.

De contract activa (zie Toelichting 5 – Opbrengsten) in de bovenstaande tabel bedroegen USD 16,0 miljoen voor de periode eindigend op 31 december 2024 (december 2023: USD 25,5 miljoen).

Over te dragen kosten omvatten reeds gefactureerde kosten met betrekking tot het volgende boekjaar, bijvoorbeeld huur, verzekeringen, commissies, bunkers, voorafbetaalde kosten voor kredietfaciliteiten. Te ontvangen opbrengsten omvatten nog niet gefactureerde inkomsten met betrekking tot het lopende boekjaar, zoals rente.

TOELICHTING 24 - KAS EN KASEQUIVALENTEN

(In duizenden USD) 2024 2023
Bank 114.142 176.702
Kas 10 5
Geldbeleggingen 160.585 223
Balans op 31 december 274.737 176.930

We verwijzen naar het geconsolideerd kasstroomoverzicht voor een gedetailleerde analyse van de kasbewegingen.

TOELICHTING 25 - KAPITAAL EN RESERVES

Kapitaal en uitgiftepremies

Aantal gewone aandelen 2024 2023
Aantal uitgegeven aandelen per 1 januari 59.500.000 59.500.000
Aantal uitgegeven aandelen per 31 december - volstort 59.500.000 59.500.000

De aandelen zijn zonder vermelding van nominale waarde. De houders van gewone aandelen zijn gerechtigd tot dividend en hebben recht om per aandeel één stem uit te brengen tijdens de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van de Vennootschap.

Zoals goedgekeurd door de Buitengewone Algemene Vergadering van 11 september 2020, kan de Raad van Bestuur van EXMAR, voor een periode van vijf jaar eindigend in september 2025, binnen bepaalde wettelijke beperkingen en voorwaarden, het kapitaal van EXMAR NV verhogen met een maximum bedrag van USD 12,0 miljoen.

Eigen aandelen

De reserve voor eigen aandelen omvat de kostprijs van de aandelen van EXMAR die door de Groep worden aangehouden.

2024 2023
Aantal eigen aandelen gehouden per 31 december 1.956.013 1.956.013
Boekwaarde van gehouden eigen aandelen (in duizenden USD) 38.160 38.160
Gemiddelde kostprijs per aandeel (in EUR) - historische waarde 14,1507 14,1507

Omrekeningsreserve

De omrekeningsreserve omvat alle wisselkoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van de jaarrekeningen van de dochterondernemingen van de Groep die een andere functionele valuta hebben dan de rapporteringsmunt, USD, en de directe opname van de omrekening van de netto-investering binnen de groep in een buitenlandse activiteit (uitgedrukt in Argentijnse peso) die vanaf 2022 in de niet-gerealiseerde resultaten wordt opgenomen. Het saldo van de omrekeningsreserve wordt voornamelijk beïnvloed door de appreciatie of depreciatie van de EUR en XAF ten opzichte van de USD.

Afdekkingsreserve

De afdekkingsreserve bestaat uit het effectieve deel van de cumulatieve netto wijzigingen in de reële waarde van kasstroomafdekkingsinstrumenten met betrekking tot de afgedekte transacties.

Er werden interest rate swap (IRS) contracten afgesloten om het variabel intrest risico in te dekken (zie Toelichting 31).

TOELICHTING 26 - WINST PER AANDEEL

Voor de 12 maanden eindigend 2024 2023
Resultaat van het boekjaar, toerekenbaar aan de aandeelhouders van
de vennootschap (in duizenden USD)
180.471 71.972
Aantal uitgegeven gewone aandelen per 31 december 59.500.000 59.500.000
Effect van eigen aandelen -1.956.013 -1.956.013
Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen per 31 december 57.543.987 57.415.904
Winst per aandeel in USD 3,15 1,25
2024 2023
Resultaat van het boekjaar, toerekenbaar aan de aandeelhouders van
de vennootschap (in duizenden USD)
180.471 71.972
Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen per 31 december 57.543.987 57.415.904
Verwateringseffect van op aandelen gebaseerde compensatie 5.804 62.725
Gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen gedurende
het jaar inclusief opties
57.549.791 57.478.629
Verwaterde winst per aandeel in USD 3,14 1,25

Plan 10 is opgenomen in de berekening van het verwateringseffect. Vanaf april 2023 waren de aandelenopties in the money en hadden ze een verwateringsimpact op de winst per aandeel.

In de eerste 6 maanden van 2023 werden in totaal 247.250 opties van plan 10 uitgeoefend tegen een prijs van 9,62 EUR per aandeel. Er bleven geen aandelenopties over op 31 december 2023.

TOELICHTING 27 - LENINGEN

(In duizenden USD) Bank
leningen
Overige
leningen
Leasingschulden
gebruiksrechten
Totaal
Per 1 januari 2023 188.891 19.192 10.264 218.347
Nieuwe leningen 100.930 -23 805 101.712
Afname na verkoop van aandelen 0 0 -164 -164
T
erugbetalingen
-56.869 -1.520 -2.283 -60.672
T
ransfers
13.981 -9.447 0 4.533
In resultaat genomen transactiekosten 339 64 0 403
Wisselkoersverschillen 174 0 296 470
T
oe te rekenen interestkosten
180 398 0 579
Contractherwaardering/
contractaanpassing
0 0 104 104
Per 31 december 2023 247.626 8.664 9.022 265.312
Meer dan één jaar 206.878 5.531 7.423 219.831
Minder dan één jaar 40.748 3.133 1.599 45.480
Per 31 december 2023 247.626 8.664 9.022 265.311
Shipping segment 145.773 8.648 472 154.894
Infrastructure segment 94.746 0 2.029 96.775
Diensten segment 7.106 15 6.520 13.642
Per 31 december 2023 247.626 8.664 9.022 265.311
Per 1 januari 2024 247.626 8.664 9.022 265.311
Nieuwe leningen 100.500 -0 384 100.884
Afname na verkoop van aandelen -3.513 0 -4.000 -7.513
T
erugbetalingen
-36.297 -5.766 -1.814 -43.878
Betaalde transactiekosten -1.060 0 0 -1.060
In resultaat genomen transactiekosten 590 20 0 610
Wisselkoersverschillen -61 -0 -394 -456
T
oe te rekenen interestkosten
1.285 81 0 1.366
Contractherwaardering/
contractaanpassing
0 0 1.287 1.287
Per 31 december 2024 309.070 2.998 4.484 316.552
Meer dan één jaar 272.269 2.998 2.527 277.794
Minder dan één jaar 36.801 0 1.957 38.759
Per 31 december 2024 309.070 2.998 4.484 316.552
Shipping segment 130.873 2.998 394 134.265
Infrastructure segment 178.197 0 2.554 180.751
Diensten segment 0 0 1.537 1.537
Per 31 december 2024 309.070 2.998 4.484 316.552

Bankleningen

De bankleningen hebben voornamelijk betrekking op:

FLANDERS INNOVATION & FLANDERS PIONEER – USD 123,7 miljoen (december 2023: USD 129,7 miljoen)

In 2021 verkreeg de Groep een financiering van USD 144,0 miljoen voor de twee VLGC's: FLANDERS INNOVATION (USD 72,0 miljoen) en FLANDERS PIONEER (eveneens USD 72,0 miljoen) met een looptijd van vijftien jaar. De impliciete gewogen gemiddelde rentevoet van deze leningen bedraagt 5,61%. EXMAR NV heeft een garantie gesteld voor de onderliggende verplichtingen.

LPG pressurized faciliteiten - USD 5,6 miljoen (december 2023: USD 15,8 miljoen)

In het laatste kwartaal van 2018 en in april 2019 herfinancierde EXMAR respectievelijk zes en vier van haar LPG-drukschepen via een JOLCO-structuur (Japanse Operationele Lease met Call Optie). De leningen zijn terugbetaalbaar in driemaandelijkse schijven en het toepasselijke rentepercentage bedraagt driemaandelijkse SOFR plus 2,4%. De laatste terugbetaling is voorzien in december 2025. Het kapitaal gedeelte van de JOLCO-financiering wordt gepresenteerd onder "Overige leningen" (zie hieronder).

In 2022 en 2023 heeft EXMAR de vervroegde aankoopopties van 7 schepen uitgeoefend en betaalde in 2023 USD 41,1 miljoen voor 5 drukschepen. Voor de twee schepen waarvoor de vervroegde aankoopoptie werd uitgeoefend vóór 31 december 2023 met betaling in 2024, heeft het management het gerelateerde uitstaande kapitaalgedeelte van deze schepen overgeboekt naar "bankleningen" (USD 9,4 miljoen) en het verwachte te betalen bedrag opgenomen onder korte termijn. De vervroegde aankoopopties voor deze schepen werden betaald in 2024. EXMAR oefende een vervroegde aankoopoptie uit met betaling in het eerste kwartaal van 2025.

Alle verplichtingen van de leningnemer worden gewaarborgd door EXMAR NV ("guarantor").

Bankleningen Solaia LLC en Bexco NV - USD 0 miljoen (december 2023: USD 7,1 miljoen)

De gewijzigde gesyndiceerde banklening van EXMAR's dochteronderneming Solaia Shipping LLC, die dateerde van december 2021, werd terugbetaald in 2023.

De uitstaande leningen van Bexco NV per 31 december 2023 ten bedrage van USD 7,1 miljoen werden gedeeltelijk terugbetaald (USD 3,5 miljoen) voordat het bedrijf de consolidatiekring verliet (zie Toelichting 4 Desinvesteringen).

EEMSHAVEN - USD 81,2 miljoen (december 2023: USD 94,7 miljoen)

Eind 2023 ondertekende EXMAR Energy Netherlands BV (een 100% dochteronderneming van EXMAR NV) een kredietovereenkomst van USD 96 miljoen met ABN AMRO Bank N.V., Belfius Bank NV/SA, BNP PARIBAS FORTIS NV/SA en KBC BANK NV voor de financiering van FSRU EEMSHAVEN met vervaldag 16 augustus 2027. De kredietovereenkomst heeft een rentevoet van SOFR 3 maanden plus 2,16%. De faciliteit is terugbetaalbaar in zeven halfjaarlijkse tranches en een ballon op de einddatum.

Alle verplichtingen van de leningnemer worden gewaarborgd door EXMAR NV ("guarantor").

EXCALIBUR - USD 96,9 miljoen (december 2023: USD 0 miljoen)

Op 29 juli 2024 ondertekende EXMAR Export Netherlands BV (een 100% dochteronderneming van EXMAR NV) een Bareboat Charter overeenkomst van USD 100,5 miljoen met Ocean Offshore 2401 Ltd, voor de financiering van EXCALIBUR, met vervaldag 20 februari 2034. De overeenkomst heeft een rentevoet van SOFR 3 maanden plus 2,20%. De overeenkomst is terugbetaalbaar in achtendertig driemaandelijkse schijven en een ballon op de einddatum.

De verplichtingen van de leningnemer worden in eerste instantie gewaarborgd door EXMAR Energy Hong Kong Ltd en EXMAR NV is de stand-by borg.

Overige leningen

Vloot van drukschepen - USD 3,0 miljoen (december 2023: USD 8,7 miljoen)

De overige leningen omvatten het uitstaande equity gedeelte van de JOLCO (Japanse Operationele Lease met Call Optie) financiering. Op 31 december 2024 bedraagt het uitstaande saldo USD 3,0 miljoen en heeft betrekking op één schip.

Het management gaat ervan uit dat de aankoopoptie van het resterende schip voor of aan het einde van de leaseperiode wordt uitgeoefend, wat zal resulteren in een extra kasuitgave van USD 3,0 miljoen.

Beschikbare kredietfaciliteiten

Op 31 december 2024 heeft EXMAR geen ongebruikte kredietfaciliteiten ter beschikking.

Overige informatie

Op 16 december 2022 ondertekende EXMAR Shipping BV, een belangrijke joint venture, een aan duurzaamheid gekoppelde senior faciliteit met een consortium van banken. Op 23 oktober 2024 kwamen de partijen een bedrag van USD 381,4 miljoen overeen als doorlopende kredietfaciliteit en werd de vervaldatum verlengd.

De lening vervalt op 16 december 2029. Op 31 december 2024 had EXMAR Shipping BV USD 381,4 miljoen van de doorlopende kredietfaciliteit opgenomen.

In het algemeen zijn de leningen aangehouden door EXMAR en haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures gedekt door een hypotheek op de onderliggende activa in eigendom van EXMAR en haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures. Bovendien bestaan er verschillende pandrechten en andere soorten waarborgen om de leningen te verzekeren.

Convenanten

Verschillende lening convenanten zijn eveneens van toepassing en vereisen de naleving van bepaalde financiële ratio's. Deze ratio's worden halfjaarlijks berekend op basis van EXMAR's geconsolideerde cijfers waar de joint ventures niet geconsolideerd worden volgens IFRS 11 maar volgens de proportionele consolidatie methode (analoog aan de waarderingsregels gebruikt voor segment rapporteringsdoeleinden). We verwijzen naar onderstaande tabel voor een overzicht van de van toepassing zijnde convenanten.

VAN TOEPASSING ZIJNDE CONVENANTEN
Ratio Pressurized
faciliteit
Krediet
faciliteiten ¹
Actuele
positie
31 december
2024 ²
Actuele
positie
31 december
2023 ²
Minimum boekhoudkundig eigen vermogen ≥ USD 300
miljoen
NVT USD 647,0
miljoen
USD 519,4
miljoen
Minimum vrije liquide middelen ≥ USD 25
miljoen
≥ USD 20
miljoen
USD 355,0
miljoen
USD 240,0
miljoen
Ratio eigen vermogen (Eigen vermogen/
Totale activa)
≥ 25% NVT 50,87% 44,18%
Werkkapitaal minimum
positief
minimum
positief
USD 444,7
miljoen
USD 213,8
miljoen
Netto financiële schulden ratio NVT < 70% 23,42% 32,84%
Openstaande schuld (in duizenden USD) 8.638 81.851
  1. Heeft betrekking op de EEMSHAVEN kredietfaciliteit.

  2. De werkelijke bedragen zijn gebaseerd op de meest restrictieve definities.

Uitleg van de belangrijkste definities die zijn toegepast in de berekeningen van de convenanten:

  • Boekhoudkundig eigen vermogen: eigen vermogen exclusief eigen aandelen en het effect van eventuele waardeverminderingen van immateriële activa en het effect van reële waardeveranderingen van financiële derivaten;
  • Vrije liquide middelen: kas en kasequivalenten (exclusief verpande of geblokkeerde liquide middelen), termijndeposito's en, in bepaalde convenanten, inclusief niet-opgenomen kredietfaciliteiten met een looptijd van minimaal zes maanden tot vervaldag;
  • Werkkapitaal: vlottende activa min vlottende passiva;
  • Netto intrestdragende schuld: geconsolideerde intrestdragende financiële schuld verminderd met vrije liquide middelen (en in één convenant ook verminderd met geblokkeerde kasequivalenten die in pand zijn gegeven voor een onderliggende verplichting).

Op 31 december 2024 voldeed EXMAR aan alle convenanten met voldoende headroom. EXMAR ziet er voortdurend op toe dat alle toepasselijke covenanten worden nageleefd om in juni 2025 en december 2025 te voldoen aan alle covenanten.

In geval van niet-naleving van deze covenanten, kan een vervroegde terugbetaling van de gerelateerde leningen vereist zijn en dienen deze op korte termijn te worden geboekt.

TOELICHTING 28 - AANDELENOPTIES

De Groep heeft een aandelenoptieregeling ingevoerd waarbij bepaalde werknemers recht hebben om in te schrijven op een aantal opties. De opties zijn enkel uitoefenbaar na een periode van drie jaar en enkel voor werknemers die nog in dienst zijn na deze driejarige periode. Elke optie geeft de houder van de optie recht op één EXMAR aandeel.

De reële waarde van de diensten die in ruil voor de toegekende opties worden ontvangen, wordt bepaald op basis van de uitoefenprijs van de toegekende aandelenopties. De reële waarde van de ontvangen diensten wordt bepaald met behulp van een binominaal model. In dit model wordt onder andere uitgegaan van de contractuele looptijd van de optie.

Plan 10 liep eind 2023 af en van de resterende 321.250 opties werden er 317.250 uitgeoefend en 4.000 vervielen. In 2024 en 2023 werden geen nieuwe plannen toegekend.

2024 2023
Reconciliatie openstaande opties Aantal opties Gewogen
gemiddelde
uitoefenprijs
Aantal opties Gewogen
gemiddelde
uitoefenprijs
Openstaande aandelenopties per 1 januari 0 0,00 321.250 9,62
Nieuw verleende opties 0 0,00 0 0,00
Wijzigingen tijdens het boekjaar
U
itgeoefende opties
-317.250 9,62
Vervallen/geschrapte opties -4.000 9,62
Openstaande aandelenopties
per 31 december
0 0,00 0 0,00
Uitoefenbare aandelenopties
per 31 december
0 0,00 0 0,00

Per eind december 2023 zijn er geen opties meer open.

Sinds 2018 werden alle plannen volledig in kost genomen.

TOELICHTING 29 - PERSONEELSBELONINGEN

Toegezegde pensioenplannen en soortgelijke verplichtingen

De Groep voorziet in pensioenvoordelen voor de meeste van haar werknemers, hetzij direct, hetzij via een bijdrage aan een onafhankelijk fonds. De pensioenvoordelen voor het kaderpersoneel in dienst vóór 1 januari 2008 worden verstrekt onder een te bereiken doel plan. Dit plan is een te bereiken doel plan waarbij een eindloonstelsel van toepassing is.

Voor kaderleden in dienst na 1 januari 2008, werknemers gepromoveerd tot kaderlid na 1 januari 2008 en kaderleden die de leeftijd van 60 jaar bereikt hebben, voorziet de Groep pensioenvoordelen via een vast bijdrage plan. Belgische toegezegde bijdrageregelingen vallen onder toepassingsgebied van de Wet van 28 april 2003 op de aanvullende pensioenen, kort WAP genoemd. Volgens artikel 24 van deze wet is de werkgever verplicht een minimum rendement van 3,75% op de persoonlijke bijdragen van de werknemer en 3,25% op de bijdragen van de werkgever te garanderen en dit voor stortingen tot en met 31 december 2015. Vanaf januari 2016 dient de werkgever een gemiddeld minimum rendement van 1,75% te garanderen op zowel werknemersbijdragen als werkgeversbijdragen (zoals gewijzigd door de Wet van 18 december 2015).

Deze minimum rendementsgarantie overtreft over het algemeen het rendement dat gegarandeerd wordt door de verzekeringsmaatschappij. Aangezien de werkgever verplicht wordt een minimum rendement te garanderen, worden niet alle actuariële en investeringsrisico's overgedragen naar de verzekeringsmaatschappijen die deze plannen beheren. Bijgevolg voldoen deze plannen niet aan de definitie van toegezegde bijdragenregeling zoals gedefinieerd in IFRS en worden ze als een te bereiken doel plan geclassificeerd. Een actuariële berekening in overeenstemming met IAS 19 gebaseerd op de "projected unit credit (PUC)"-methode werd uitgevoerd in dit verband.

Personeelsbeloningen

(In duizenden USD) 2024 2023 2022 2021 2020
TE BEREIKEN DOEL PLANNEN
Contante waarde van gefinancierde
verplichtingen
-6.105 -7.417 -7.523 -9.631 -10.969
Reële waarde van de fondsbeleggingen 5.421 6.549 6.601 9.017 9.408
Contante waarde van de
nettoverplichtingen
-684 -868 -922 -614 -1.561
VAST BIJDRAGEPLAN
Contante waarde van gefinancierde
verplichtingen
-6.254 -6.701 -5.690 -8.102 -9.559
Reële waarde van de fondsbeleggingen 6.153 6.570 5.571 7.986 9.405
Contante waarde van de netto
(verplichtingen) activa
-101 -131 -119 -116 -154
Totaal personeelsbeloningen -785 -999 -1.040 -730 -1.715

Te bereiken doel plan

(In duizenden USD) 2024 2023
WIJZIGINGEN IN DE VOORZIENINGEN GEDURENDE HET JAAR ¹
Voorziening per 1 januari 14.118 13.213
Uitkeringen -1.943 -1.329
Werkelijke werknemersbijdragen 232 225
Intrestkosten 432 499
Aan het dienstjaar toegekende pensioenkosten 695 546
Werkelijke taksen betaald op bijdragen (exclusief intresten) -122 -146
Actuariële winsten/verliezen -238 624
Wisselkoersverschillen -815 486
Voorziening per 31 december 12.359 14.118
WIJZIGINGEN IN DE REËLE WAARDE VAN DE FONDSBELEGGINGEN ¹
Reële waarde fondsbeleggingen per 1 januari 13.119 12.172
Ontvangen stortingen 1.188 1.400
Uitkeringen -1.943 -1.329
Intrestopbrengsten 423 479
Werkelijke taksen betaald op bijdragen (exclusief intresten) -122 -146
Werkelijke administratiekosten -62 -75
Actuariële winst/verlies -279 168
Wisselkoersverschillen -750 451
Reële waarde fondsbeleggingen per 31 december ² 11.574 13.119
Netto toegezegde verplichting per 31 december 785 999
  1. De wijzigingen in pensioenverplichtingen en fondsbeleggingen omvatten zowel de toegezegde pensioenregelingen als de Belgische toegezegde bijdra-

geregelingen die kwalificeren als een toegezegde pensioenregeling.

  1. De fondsbeleggingen bevatten geen EXMAR aandelen en geen vastgoed door EXMAR in gebruik genomen.
(In duizenden USD) 2024 2023
KOSTEN OPGENOMEN IN GEREALISEERDE RESULTATEN
Aan het dienstjaar toegekende pensioenkosten -695 -546
Intrestkosten -432 -499
Verwacht rendement op fondsbeleggingen 423 479
Administratiekosten -62 -75
Totale pensioenkosten opgenomen in de winst- en verliesrekening (zie
toelichting 10)
-766 -642
KOSTEN OPGENOMEN IN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN
Opname van actuariële winsten en verliezen -41 -456
Totale pensioenkosten opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten -41 -456

De verwachte werkgeversbijdragen voor het volgende boekjaar bedragen:

(In duizenden USD) 2024 2023
VERWACHTE ONTVANGEN STORTINGEN VOLGEND JAAR
Inschatting van bijdragen verwacht te betalen volgend jaar 740 990

De actuariële veronderstellingen en de gemiddelde looptijd van de regelingen worden hieronder gedetailleerd weergegeven:

(In gewogen gemiddelden) 2024 2023
BELANGRIJKSTE ACTUARIËLE VERONDERSTELLINGEN
Verdisconteringsvoet per 31 december 3,15% 3,20%
Verwacht rendement op activa per 31 december 3,15% 3,20%
Inflatie 2,00% 2,20%
Looptijd van te bereiden doel plannen (in jaren) 8 8
Looptijd van vaste bijdrageplannen (in jaren) 13 13

De fondsbeleggingen zijn als volgt samengesteld:

(In duizenden USD) 2024 2023
Eigen vermogen instrumenten 4,0% 4,0%
Leningen 87,0% 87,0%
Vastgoed 8,0% 8,0%
Kasgelden 1,0% 1,0%

TOELICHTING 30 - HANDELS- EN OVERIGE SCHULDEN

(In duizenden USD) 2024 2023
Handelsschulden 38.938 40.721
Overige schulden 16.233 96.002
Over te dragen opbrengsten 11.081 10.186
Handels- en overige schulden 66.252 146.909
Waarvan financiële schulden (Toelichting 31) 53.603 134.717

De daling van de handelsschulden ten opzichte van 2023 wordt voornamelijk verklaard door de verkoop van Bexco in 2024.

Overige schulden bevatten ontvangen voorschotten, BTW en loonbetalingen. De daling heeft betrekking op de voorwaardelijke vergoedingsverplichting van USD 78,0 miljoen geboekt in 2022 met betrekking tot TANGO FLNG, die gerealiseerd wordt in 2024 (zie Toelichting 6 - Winst bij verkoop).

De over te dragen opbrengsten omvatten reeds gefactureerde opbrengsten die betrekking hebben op volgende boekjaren, zoals vrachten, huur, ...

TOELICHTING 31 - FINANCIËLE RISICO'S EN FINANCIËLE INSTRUMENTEN

In zijn normale beleidsvoering is de Groep blootgesteld aan diverse risico's zoals beschreven in de Corporate Governance Verklaring. De Groep is blootgesteld aan krediet-, intrest-, valuta- en liquiditeitsrisico's. Om deze risico's te beheren, maakt de Groep gebruik van verschillende financiële instrumenten, voornamelijk intrestafdekkingen gesitueerd binnen onze joint ventures alsook valuta forwardcontracten.

De Groep past hedge accounting toe voor alle transacties die voor hedge accounting in aanmerking komen (formele documentatie en effectiviteitstest bij aanvang en op voortdurende basis). Financiële instrumenten worden initieel gewaardeerd aan reële waarde. Na de initiële waardering wordt het effectieve deel van de wijzigingen in de reële waarde van de financiële instrumenten die voor hedge accounting in aanmerking komen (b.v. kasstroomafdekkingen), opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten. Het niet-effectieve deel van de wijzigingen in de reële waarde van financiële instrumenten die niet voor hedge accounting in aanmerking komen, worden onmiddellijk in de winst- en verliesrekening opgenomen.

Reële Waardehiërarchie

De volgende tabel geeft de financiële activa en verplichtingen weer, gewaardeerd tegen reële waarde, volgens de reële waardehiërarchie:

(In duizenden USD)
31 december 2024 Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Totaal
Afgeleide financiële instrumenten 0 1.658 0 1.658
Aandelen gewaardeerd aan FVTPL 60.259 762 0 61.021
Totaal financiële activa gewaardeerd
tegen reële waarde
60.259 2.420 0 62.679
Afgeleide financiële instrumenten 1.240
Totaal financiële verplichtingen
gewaardeerd tegen reële waarde
0 1.240 0 0
(In duizenden USD)
31 december 2023 Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Totaal
Afgeleide financiële instrumenten 0 550 0 550
Aandelen gewaardeerd aan FVTPL 701 37.227 0 37.928
Totaal financiële activa gewaardeerd
tegen reële waarde
701 37.777 0 38.478
Totaal financiële verplichtingen

Alle andere financiële instrumenten dan de hierboven vermelde worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs. De Groep heeft een investering in Vantage Drilling. Dit bedrijf werd beursgenoteerd in 2024.

Kredietrisico

Kredietrisicobeleid

De Groep is blootgesteld aan kredietrisico's uit haar operationele activiteiten (voornamelijk handels- en andere vorderingen en transacties met geassocieerde ondernemingen en joint ventures) en uit haar financieringsactiviteiten, waaronder deposito's bij banken, valutatransacties en andere financiële instrumenten.

Het kredietrisico wordt doorlopend en per segment nauwlettend in het oog gehouden door de Groep en indien nodig worden kredietwaardigheidscontroles uitgevoerd.

De leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures bestaan uit aandeelhoudersleningen aan onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures die eigenaar of exploitant zijn van een LPG-schip of offshoreplatform. Aangezien alle schepen operationeel zijn en inkomsten genereren of zijn verpand als zekerheid voor de onderliggende lening, verwachten wij geen problemen met de inbaarheid van de uitstaande leningen (na waardevermindering) aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures. De geassocieerde ondernemingen en joint ventures waarvan het aandeel in het eigen vermogen negatief is, worden toegerekend aan andere componenten (voornamelijk in mindering gebracht op de vorderingen) van het belang van de investeerder in de geassocieerde onderneming en indien het negatieve eigen vermogen groter is dan het belang van de investeerder, wordt een overeenkomstige verplichting opgenomen voor zover de Groep een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft. De voorwaarden van de aandeelhoudersleningen worden besproken in Toelichting 27 Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures van dit jaarverslag.

EXMAR beoordeelt de invorderbare waarde van elke handels- en andere vordering op individuele basis op het einde van de rapporteringsperiode om ervoor te zorgen dat er voldoende waardeverminderingen worden aangelegd voor oninbare bedragen. Er bestaan ook opvolgingsprocedures om ervoor te zorgen dat er vervolgacties worden ondernomen om achterstallige schulden in te vorderen. In dit verband is het management van de Groep, gezien de historische wanbetalingspercentages minder dan 1% voor 2024 en 2023 bedraagt, van mening dat het kredietrisico van de Groep gering is.

De Groep doet alleen zaken met banken met een goede kredietwaardigheid. De Groep controleert en beheert de blootstelling aan banken met goedgekeurde kredietlimieten voor tegenpartijen en kredietrisicoparameters

om het risico van wanbetaling te beperken.

Blootstelling aan het kredietrisico

(In duizenden USD) 2024 2023
Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures 48 11.597
Afgeleide financiële instrumenten 1.658 550
Overige investeringen - aandelen gewaardeerd aan FVTPL 61.021 37.928
Handels- en overige vorderingen (zie Toelichting 23) 116.824 87.943
Kas en kasequivalenten 274.737 176.930
Boekwaarden van financiële activa 454.288 314.949

De boekwaarden van de financiële activa geven het maximale kredietrisico weer.

Voorziening voor kredietverliezen

Aangezien vervallen uitstaande vorderingen niet materieel zijn, wordt er geen ouderdomsanalyse gegeven.

Eind 2024 hebben we waardeverminderingen geboekt voor een totaalbedrag van USD 2,2 miljoen op leningen aan en handelsvorderingen op geassocieerde ondernemingen en joint ventures.

Er waren geen waardeverminderingen nodig in 2024 op overige (niet-handels) vorderingen op derden.

Intrestrisico

Intrestrisicobeleid

De intrestdragende leningen worden voornamelijk afgesloten aan een variabele rentevoet. Teneinde dit intrestrisico te beheersen, maakt de Groep gebruik van een aantal intrestdekkingsinstrument die op de markt beschikbaar zijn wanneer het management van mening is dat het voordelig is om dit te doen. In 2024 zijn er Intrest Rate Swaps ("IRS") contracten zowel bij dochterondernemingen als bij joint ventures. In 2023 waren er enkel IRS contracten bij joint ventures. De Groep past hedge accounting toe als aan de voorwaarden voor toepassing van hedge accounting is voldaan. Als er geen hedge accounting wordt toegepast, worden de veranderingen in de reële waarde opgenomen in de resultatenrekening.

Blootstelling aan intrestrisico

(In duizenden USD) 2024 2023
Totaal intrestdragende leningen (exclusief leaseverplichtingen) 312.068 256.290
met vaste intrest 126.734 138.389
met variabele intrest 185.334 117.900
Netto blootstelling 185.334 117.900

Het bedrag van de leningen met variabele rente steeg aanzienlijk in 2024 als gevolg van de nieuwe faciliteitsovereenkomst voor de financiering van de FSRU EXCALIBUR(zie Toelichting 27 Leningen).

Gevoeligheidsanalyse

Bij een wijziging van de intrestvoet met 50 basispunten, zouden de cijfers worden beïnvloed met onderstaande bedragen (onder de veronderstelling dat de andere variabelen niet wijzigen):

(In duizenden USD) 2023
+ 50 bp - 50 bp + 50 bp - 50 bp
Leningen met variabele intrest 927 -927 590 -590
Intrest afdekkingsinstrumenten 0 0 0 0
Netto gevoeligheid 927 -927 590 -590
Effect op winst- en verliesrekening 927 -927 590 -590
Effect op eigen vermogen 0 0 0 0

Een belangrijk gedeelte van EXMAR's intrestopbrengsten zijn afkomstig van leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures met een variabele intrestvoet. Een stijging/ daling van de intrestvoet zou resulteren in een stijging/ daling van de intrestopbrengsten maar zou grotendeels geneutraliseerd worden door een stijging/ daling van de intrestkosten geboekt bij de joint venture/ geassocieerde onderneming voor het corresponderende bedrag. Bijgevolg heeft elke stijging/ daling van de variabele intrestvoet van toepassing op leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures geen invloed op het netto resultaat van de groep. Hierdoor werden leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures niet opgenomen in bovenstaande gevoeligheidsanalyse.

Valutarisico

Het valutarisico van de Groep wordt historisch vooral beïnvloed door de EUR/USD-verhouding voor het bemannen van de vloot, het betalen van salarissen en alle andere personeelsgerelateerde uitgaven, die in EUR worden uitgedrukt. Om het valutarisico te bewaken, maakt de Groep gebruik van een reeks instrumenten voor het afdekken van valutarisico's en, indien nodig, termijncontracten.

Eind 2024 waren er financiële instrumentcontracten ter indekking van de EUR/USD.

Blootstelling aan het valutarisico

Blootstelling aan het valutarisico, gebaseerd op nominale bedragen in duizenden in vreemde munt:

(In duizenden
lokale valuta)
2024 2023
XAF EUR SGD ARS XAF EUR SGD ARS
Vorderingen 0 40.086 245 74.049 1.975.725 9.730 272 230.930
Schulden -32.117.074 -20.108 -468 -50.144 0 -11.464 -368 -83.302
Intrestdragende
leningen
0 0 0 0 0 0 0 0
Risico -32.117.074 19.978 -223 23.905 1.975.725 -1.734 -96 147.628
Termijncontracten
Netto
blootstelling
-32.117.074 19.978 -223 23.905 1.975.725 -1.734 -96 147.628
In duizenden USD -50.867 20.755 -163 23 3.328 -1.916 -73 183

Het bovenstaande overzicht geeft de blootstelling voor de top-4 valutarisico's weer.

Gevoeligheidsanalyse

Per 31 december 2024, zou een toename van 10,0% van de EUR/USD slotkoers de resultatenrekening van 2024 beïnvloeden met USD +2,08 miljoen (2023: USD -0,19 miljoen). Een daling van de EUR/USD slotkoers met 10,0% zou de resultatenrekening met eenzelfde bedrag (tegenovergesteld teken) beïnvloeden.

Per 31 december 2024, zou een toename van 10,0% van de XAF/USD slotkoers de resultatenrekening van 2024 beïnvloeden met USD -5,09 miljoen (2023: USD +0,33 miljoen). Een daling van de XAF/USD slotkoers met 10,0% zou de resultatenrekening met eenzelfde bedrag (tegenovergesteld teken) beïnvloeden.

Liquiditeitsrisico

Liquiditeitsrisicobeleid

De Groep beheert haar liquiditeitsrisico om zo aan haar financiële verplichtingen op vervaldag te voldoen. Het liquiditeitsrisico wordt beheerd door een continue opvolging van kasstroomprojecties, toetsing van liquiditeitsratio's aan interne en externe verplichtingen en door het aanhouden van diverse financieringsbronnen met adequate back-up faciliteiten.

Verschillende lening convenanten zijn eveneens van toepassing en vereisen de naleving van bepaalde financiële ratio's. Per 31 december 2024 voldeed EXMAR aan de van toepassing zijnde convenanten. We verwijzen in dit verband eveneens naar Toelichting 27 Leningen.

Contractuele looptijd voor financiële verplichtingen, leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures en financiële garanties

Onze verplichtingen op korte termijn zoals handelsschulden en overige schulden worden verwacht betaald te zijn in de komende twaalf maanden en werden bijgevolg niet opgenomen in onderstaande tabel. De contractuele looptijd van onze financiële verplichtingen en leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures, inclusief verwachte intrestbetalingen, wordt weergegeven in onderstaande tabel. De contractuele looptijd van onze financiële schulden is gebaseerd op de contractuele aflossingstabellen van de leningen. Het niet-opgenomen gedeelte van onze kredietfaciliteiten is niet opgenomen in de onderstaande tabellen.

De contractuele vervaldagen van onze leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures zijn gebaseerd op de kasstroomprognoses voor toekomstige jaren voor de aandeelhouderslening van EXMAR LPG en de verwachte terugbetaling van de lening voor de Electra Offshore Ltd faciliteit exclusief saldering van negatieve eigen vermogens (zie Toelichting 19 Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures).

EXMAR heeft ook garanties toegekend aan bankinstellingen dewelke leningen hebben toegekend aan haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures. Het bedrag dat EXMAR zou moeten betalen wanneer de kredietfaciliteit wordt aangewend is toegelicht in onderstaande tabel onder garanties.

(In duizenden USD) Contractuele kasstromen
31 december 2024 Val. Intrest
voet
Loop
tijd
Boek
waarde
Totaal < 1 jaar 1-2 jaar 2-5 jaar > 5 jaar
Bankleningen VLGC's USD 5,62% 2036 -123.736 -190.631 -13.258 -13.104 -39.026 -125.243
Bank-/overige
leningen -
drukschepen
USD LIBOR+
2,4%
2025 -8.651 -5.872 -5.872 0 0 0
Banklening -
EEMSHAVEN
USD SOFR 3m
+2.16%
2027 -81.851 -92.685 -18.786 -17.699 -56.200 0
Banklening -
EXCALIBUR
USD SOFR 3m
+2.2%
2034 -97.830 -135.951 -17.002 -16.259 -42.250 -60.440
Leaseverplichtingen USD -3.777 -2.506 -819 -836 -851 0
Leaseverplichtingen EUR -393 -1.578 -966 -337 -261 -14
Leaseverplichtingen SGD 0 -352 -121 -138 -93 0
Leaseverplichtingen CNY 0 -126 -51 -51 -23 0
Leaseverplichtingen INR -159 -186 -54 -57 -75 0
Leaseverplichtingen XAF -156 -164 -86 -78 0 0
-316.552 -430.050 -57.015 -48.559 -138.779 -185.697
Leningen aan
geassocieerde
ondernemingen en
joint ventures
USD 700 784 784 0 0 0
Financiële garanties USD 0 -206.283 -30.754 -29.377 -146.153 0
(In duizenden USD) Contractuele kasstromen
Intrest
Loop
Boek
31 december 2023 Val. voet tijd waarde Totaal < 1 jaar 1-2 jaar 2-5 jaar > 5 jaar
Bankleningen VLGC's USD 5,62% 2036 -129.740 -190.631 -13.258 -13.104 -39.026 -125.243
Bank-/overige leningen
- drukschepen
USD LIBOR+
2.4%
2024 -
2025
-15.820 -26.063 -12.586 -13.477 0 0
Banklening -
EEMSHAVEN
USD SOFR 3m
+2.16%
2027 -94.746 -112.735 -20.047 -18.789 -73.899 0
Bankleningen - overige EUR EURIBOR +
1.7%
2028 -15.983 -6.598 -6.605 -115 122 0
Leaseverplichtingen USD -3.277 -1.880 -464 -463 -953 0
Leaseverplichtingen EUR -4.955 -5.085 -1.400 -1.363 -1.544 -778
Leaseverplichtingen SGD -454 -205 -134 -71 1 0
Leaseverplichtingen CNY 0 -19 -19 0 0 0
Leaseverplichtingen INR -199 -244 -53 -56 -135 0
Leaseverplichtingen XAF -136 -147 -51 -51 -46 0
-265.311 -343.608 -54.618 -47.487 -115.482 -126.022
Leningen aan
geassocieerde
ondernemingen en
joint ventures
USD 11.597 12.989 12.989 0 0 0
Financiële garanties USD 0 -237.584 -31.301 -30.754 -175.530 0

Reële waarden

Boekwaarden versus reële waarden

(In duizenden USD) 2024 2023
Reële
waarde
hiërarchie
Boek
waarde
Reële
waarde
Reële
waarde
hiërarchie
Boek
waarde
Reële
waarde
Leningen aan geassocieerde
ondernemingen en joint ventures
2 48 48 2 11.597 11.597
Overige investeringen - aandelen
gewaardeerd aan FVTPL
1/2 61.021 61.021 1/2 37.928 37.928
Afgeleide financiële instrumenten 2 1.658 1.658 2 550 550
Leningen (exclusief leaseverplichtingen) 2 -312.068 -333.285 2 -256.290 -280.280
-249.341 -270.558 -206.214 -230.204

De financiële activa en verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde worden geanalyseerd en krijgen een hiërarchie toegekend ter bepaling van de reële waarde:

  • Niveau 1 zijnde genoteerde prijzen in actieve markten van identieke activa of verplichtingen;
  • Niveau 2 zijnde andere dan genoteerde waarden begrepen in niveau 1 welke toch direct of indirect waarneembaar zijn voor de activa en verplichtingen, hetzij direct (als prijzen) hetzij indirect (afgeleid van prijzen);
  • Niveau 3 zijnde waarden welke niet op waarneembare marktwaarden gebaseerd zijn.

De opsplitsing tussen niveau 1 en niveau 2 voor aandelen gewaardeerd aan FVTPL wordt weergegeven in het begin van deze toelichting.

Basis voor bepaling van reële waarde:

  • Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures: huidige waarde van toekomstige kasstromen, verdisconteerd tegen de marktrente op balansdatum
  • Eigenvermogensinstrumenten tegen FVTPL:

Genoteerde biedkoers op balansdatum voor :

  • Frontera aandelen
  • Ventura Offshore aandelen (verworven in 2024)
  • Vantage Drilling aandelen (vanaf afsluiting 2024)

Niet-beursgenoteerde slot fixingprijs op rapporteringsdatum via een openbare veiling via Euronext voor Sibelco aandelen

Vantage Drilling was bij de afsluiting van 2023 een Over-the-counter (OTC) aandeel en was bijgevolg niet genoteerd aan een grote beurs en werd in plaats daarvan verhandeld via een netwerk van makelaars-dealers. De prijs werd bepaald volgens het bid/ask-principe. In 2024 werd Vantage Drilling een beursgenoteerde onderneming.

  • Termijncontracten: huidige waarde van het verschil tussen de termijnkoers op balansdatum en de betaalde termijnkoers .
  • Rentedragende leningen: huidige waarde van toekomstige kasstromen, verdisconteerd tegen de marktrente op balansdatum.

Voor bepaalde financiële activa en verplichtingen (handelsvorderingen en overige vorderingen, kas en kasequivalenten, handelsschulden en overige schulden en leaseverplichtingen) dewelke niet gewaardeerd worden aan reële waarde, wordt geen reële waarde toegelicht aangezien de boekwaarde een goede benadering is van de reële waarde.

TOELICHTING 32 – LEASING

Leasing als leasingnemer

De Groep huurt gebouwen, motorvoertuigen en IT-materiaal.

(In duizenden USD)
GEBRUIKSRECHTEN Gebouwen IT materiaal Totaal
Saldo per 31 december 2023 9.152 510 9.661
Saldo per 31 december 2024 3.812 442 4.253

Voor de volledige mutatietabel met betrekking tot de gebruiksrechten inclusief de geboekte afschrijvingen van het boekjaar verwijzen we naar Toelichting 16 Gebruiksrechten van dit financieel rapport.

De Groep heeft verschillende huurcontracten die verlengings- of beëindigingsopties bevatten. Deze opties worden door het management onderhandeld om flexibiliteit te bieden bij het beheer van de leaseportefeuille. Er wordt beoordeeld of het redelijk zeker is dat deze verlengings- en beëindigingsopties zullen worden uitgeoefend (zie Toelichting 1 Waarderingsregels).

Voor de looptijdanalyse met betrekking tot de leaseverplichtingen wordt verwezen naar Toelichting 31 Financiële risico's en financiële instrumenten.

Bedragen erkend in de resultatenrekening

(In duizenden USD)
LEASING ONDER IFRS 16 2024 2023
Intrestkosten op leaseschulden 214 238
Kosten met betrekking tot leasing van niet-significant activa 407 468

Leasing als leasinggever

De Groep is lange termijn charterovereenkomsten aangegaan voor bepaalde activa in haar vloot. Met betrekking tot de leasing classificatie werd geoordeeld dat vrijwel alle risico's en voordelen bij de Groep blijven. Bijgevolg kwalificeren deze overeenkomsten als operationele huurovereenkomsten.

De door de Groep gedurende 2024 erkende huurinkomsten bedroegen USD 99,6 miljoen (2023: USD 108,9 miljoen).

De volgende tabel geeft een analyse van de leasebetalingen en toont de niet-verdisconteerde leasebetalingen die na de balansdatum moeten worden ontvangen. Er zijn geen variabele leasebetalingen opgenomen. De afname met USD 85,5 miljoen van de totale leasebetalingen (bij de dochterondernemingen) ten opzichte van 2023 is het gevolg van leasecontracten van VLGC, EEMSHAVEN, EXCALIBUR en verminderde drukschepen die dichter bij hun vervaldatum komen.

De onderstaande tabel met betrekking tot de geassocieerde ondernemingen en joint ventures omvat enkel het aandeel van EXMAR in de verwachte operationele leasebetalingen.

(In duizenden USD) 2024 2023
Minder dan één jaar 75.365 81.029
Eén tot twee jaar 60.826 65.421
Twee tot drie jaar 37.070 57.407
Drie tot vier jaar 22.058 36.714
Vier tot vijf jaar 18.250 22.075
Meer dan vijf jaar 73.106 109.500
Totale operationele leasing onder IFRS 16 (Dochterondernemingen)
Saldo op 31 december
286.675 372.147
Minder dan één jaar 78.086 77.283
Eén tot twee jaar 20.435 20.524
Twee tot drie jaar 23.087 5.432
Drie tot vier jaar 31.008 1.806
Vier tot vijf jaar 29.196 0
Meer dan vijf jaar 58.392 0
Totale operationele leasing onder IFRS 16 (geass. ondernemingen en JV)
Saldo op 31 december
240.204 105.045

TOELICHTING 33 - INVESTERINGSVERPLICHTINGEN

Op 31 december 2024 had de Groep investeringsverplichtingen voor een totale waarde van USD 236,7 miljoen (zijnde het aandeel van EXMAR), waarvan USD 64,8 miljoen voorschotten werden betaald in 2022, 2023 en 2024. Dit heeft betrekking op een bestelling door EXMAR samen met haar joint venture partner SEAPEAK (elk 50%) voor zes 46.000m3 nieuwbouw dual-fuel MGC's. De uitstaande verbintenis van EXMAR voor de bestelling bedraagt USD 171,9 miljoen (31 december 2023: USD 110,5 miljoen).

In 2025 verwierf de Groep vier 41.000m3 nieuwbouw dual-fuel MGC van Avance gas, voor een bedrag van USD 165,2 miljoen (zie Toelichting 38 - Gebeurtenissen na balansdatum).

TOELICHTING 34 - VOORWAARDELIJKE VERPLICHTINGEN

Verschillende vennootschappen van de Groep zijn betrokken in een aantal juridische geschillen die voortvloeien uit hun dagelijkse activiteiten. Het management verwacht niet dat de uitkomst van deze procedures enige materiële invloed zal hebben op de financiële positie van de Groep.

TOELICHTING 35 - VERBONDEN PARTIJEN

Meerderheidsaandeelhouder

Saverex NV, de Belgische meerderheidsaandeelhouder van EXMAR NV, stelt IFRS geconsolideerde jaarrekeningen op die publiek beschikbaar zijn. Saverex NV wordt gecontroleerd door de heer Nicolas Saverys (Uitvoerend voorzitter van de Raad van Bestuur van EXMAR).

Transacties met controlerende aandeelhouder en met controlerende aandeelhouders verbonden partijen

Saverbel NV, gecontroleerd door de heer Nicolas Saverys, heeft voor KEUR 105 administratiekosten doorgerekend aan de Groep in 2024 (2023: KEUR 91). De openstaande schuld voor deze diensten bedraagt per 31 december 2024 KEUR 24 (2023: KEUR 28).

Saverex NV, eveneens gecontroleerd wordt door de heer Nicolas Saverys, heeft in 2024 voor KEUR 3.400 aan advieskosten aangerekend (2023: KEUR 2.400). Het uitstaande saldo op 31 december 2024 bedroeg KEUR 2.200 (2023: KEUR 0). Verder rekende Saverex KEUR 0 administratiekosten in 2024 (2023: KEUR 1) en KEUR 108 tijdbevrachtingsinkomsten voor het jacht "Douce France" aan EXMAR Yachting (2023: KEUR 0). Het uitstaande saldo eind 2024 bedroeg KEUR 0 (2023: KEUR 0).

EXMAR Shipmanagement factureerde KEUR 43 aan Saverex voor scheepsbeheer met betrekking tot het jacht "Douce France" in 2024 (2023: KEUR 111), waarvan KEUR 2 openstaat (2023: KEUR 4). EXMAR Yachting factureerde KEUR 5 aan Saverex als commissie (2023: KEUR 0), waarvoor geen bedrag openstaat (2023: KEUR 0).

Travel PLUS factureerde een totaal van KEUR 130 aan Saverex voor geleverde reisdiensten gedurende 2024 (2023: KEUR 89), waarvan KEUR 4 openstaat (2023: KEUR 0).

TLH Heliskiing factureerde aan de groep KCAD 329 met betrekking tot geleverde diensten waarvan geen bedrag openstaat.

Verder werd in 2024 een bedrag van KEUR 213 (periode 2023: KEUR 204) gefactureerd aan de heer Nicolas Saverys als doorrekening van privé-uitgaven. Het gerelateerde uitstaande saldo bedroeg KEUR 0 (2023: KEUR 42).

Transacties met verbonden partijen vinden plaats tegen marktconforme voorwaarden.

Transacties met joint ventures en geassocieerde ondernemingen

EXMAR levert algemene diensten, boekhoudkundige diensten, management diensten, bouwtoezicht diensten en scheepsbemannings en -onderhoud diensten aan aan haar joint ventures en geassocieerde ondernemingen. Voor al deze diensten worden vergoedingen aangerekend aan de joint ventures en geassocieerde ondernemingen gebaseerd op contracten tussen alle betrokken partijen. Onderstaande tabel geeft een overzicht van alle significante vorderingen, significante schulden en de gerelateerde bedragen geregistreerd in het overzicht van gerealiseerde resultaten als gevolg van geleverde en ontvangen diensten.

31 december 2024 31 december 2023
(In duizenden USD) Vorde- ringen Schulden Capex Vorde- ringen Schulden
Scheepsbemannings- en -onderhoud
diensten
5.133 1.562 0 11.840 0
Algemene, boekhoudkundige en
management diensten
1.042 0 0 1.018 0
Bouwtoezicht diensten 0 0 0 0 0
Verhuur diensten 0 0 0 0 0
2024 2023
(In duizenden USD) Geleverde
diensten
Ontvangen diensten Capex Geleverde
diensten
Ontvangen diensten
Scheepsbemannings- en -onderhoud
diensten
10.277 0 0 15.156 0
Algemene, boekhoudkundige en
management diensten
861 0 0 1.112 0
Bouwtoezicht diensten 0 0 0 0 0
Verhuur & overige diensten 0 0 2.223 0 0

EXMAR verstrekt eveneens leningen aan haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures waarvoor intrestopbrengsten geboekt worden in de jaarrekening. We verwijzen in dit verband naar Toelichting 19 Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures voor een overzicht van deze leningen en naar Toelichting 12 Financieel resultaat voor het totaalbedrag van deze intrestopbrengsten.

Transacties met bestuurders en management

We verwijzen in verband met transacties met bestuurders en management naar het remuneratieverslag 2024 dewelke opgenomen werd in dit jaarverslag (zie Corporate Governance Verklaring). Voor informatie met betrekking tot belangenconflicten verwijzen we naar het Verslag van de Raad van Bestuur.

Bestuurders en management hebben KEUR 107 aan onkosten en KEUR 0 transactievergoeding (2023: KEUR 82) doorgerekend. Op basis van een overeenkomst met de voorzitter van Bexco BV uit het verleden werd een succes fee van KEUR 1.000 toegekend aan FMO BV in het kader van de verkoop van Bexco. Het uitstaande bedrag per 31 december 2024 met betrekking tot deze diensten bedraagt KEUR 17 (2023: KEUR 0).

Raad van Bestuur

(In duizenden EUR) 2024 2023
Voorzitter 100 100
Andere leden (individueel bedrag) 50 50
Totaal betaald 450 469

Het totaal bedrag betaald aan de leden van de Raad van Bestuur betreft het bedrag aan vergoedingen aan nietuitvoerende en onafhankelijke bestuurders voor hun activiteiten als lid van de Raad van Bestuur. De uitvoerende bestuurders worden enkel vergoed in hun hoedanigheid van leidinggevende en niet in hun hoedanigheid van uitvoerende bestuurder/ lid van de Raad van Bestuur.

Er zijn geen leningen verstrekt aan de leden van de Raad van Bestuur in 2024 of 2023. Het uitstaande bedrag met betrekking tot doorgerekende privé-uitgaven aan de heer Nicolas Saverys was nul op 31 december 2024 (2023: KEUR 42).

Audit- en Risicocomité

(In duizenden EUR) 2024 2023
Voorzitter 20 20
Andere leden (individueel bedrag) 10 10
Totaal betaald 50 50

Benoemings- en Remuneratiecomité

(In duizenden EUR) 2024 2023
Leden (individueel bedrag) 10 10
Totaal betaald 30 30

Directiecomité

In lijn met de algemene beloningsprincipes van EXMAR is de aard en de hoogte van de remuneratie van de leden van het Uitvoerend Comité afhankelijk van de prestaties van de Vennootschap en de individuele vaardigheden en prestaties. Het remuneratiepakket bestaat uit drie elementen:

  • De vaste jaarlijkse remuneratie;
  • De variabele remuneratie op korte termijn (KTI korte termijn incentive);
  • De variabele remuneratie op lange termijn (LTI lange termijn incentive).

Het niveau en de structuur van de vergoedingspakketten liggen in lijn met de marktpraktijken voor soortgelijke functies in vergelijkbare vennootschappen.

Eind 2024 bestond het Uitvoerend Comité uit vijf leden. In de overeenkomsten met de leden van het Uitvoerend Comité zijn de gebruikelijke opzegtermijnen en ontslagvergoedingen opgenomen, rekening houdend met factoren zoals de functie en de ervaring van de betrokken uitvoerende manager, en steeds binnen het toepasselijke wettelijke kader.

5.2 Geconsolideerde jaarrekening

(In duizenden EUR)
DIRECTIECOMITÉ, exclusief CEO
2024 2023
Totaal vaste vergoeding 1.725 1.556
waarvan voor pensioenplannen en verzekeringen 0
waarvan waarde van opties 0
Totale variabele vergoeding 1.400 1.205
(In duizenden EUR) 2024 2023
Nicolas Saverys/Saverex
Totaal vaste vergoeding 1.200 1.200
waarvan voor pensioenplannen en verzekeringen 0
waarvan waarde van opties 0
Totale variabele vergoeding 2.200 1.200
(In duizenden EUR)
CEO
2024 2023
Totaal vaste vergoeding 350 575
waarvan voor pensioenplannen en verzekeringen 0
waarvan waarde van opties 0
Totale variabele vergoeding 100 288

Aan de leden van het directiecomité werden geen leningen toegekend in 2024 of 2023.

Een aantal bestuurders en managers, of hun directe familieleden, betrekken functies in andere vennootschappen over de welke zij controle of gezamenlijke controle uitoefenen. Geen van deze vennootschappen hebben transacties uitgevoerd met de Groep gedurende het boekjaar.

TOELICHTING 36 - GROEPSENTITEITEN

GECONSOLIDEERDE VENNOOTSCHAPPEN Land van Consolidatie
methode
Belang
vestiging 2024 2023
Joint ventures
Estrela Ltd Hongkong Eigen vermogen 50,00% 50,00%
EXMAR Gas Shipping Ltd Hongkong Eigen vermogen 50,00% 50,00%
EXMAR LPG BV Belgium Eigen vermogen 50,00% 50,00%
EXMAR LPG France 1 Frankrijk Eigen vermogen 50,00% 0,00%
EXMAR Shipping BV Belgium Eigen vermogen 50,00% 50,00%
Good Investment Ltd Hongkong Eigen vermogen 50,00% 50,00%
Monteriggioni Inc Liberia Eigen vermogen 50,00% 50,00%
Geassocieerde ondernemingen
ECOS SRL Italië Eigen vermogen 33,30% 33,30%
Electra Offshore Ltd Hongkong Eigen vermogen 40,00% 40,00%
Exview Hong Kong Ltd Hongkong Eigen vermogen 40,00% 40,00%
Marpos NV Belgium Eigen vermogen 45,00% 45,00%
Springmarine Nigeria Ltd Nigeria Eigen vermogen 40,00% 40,00%

5.2 Geconsolideerde jaarrekening

Land van Belang
Consolidatie
GECONSOLIDEERDE VENNOOTSCHAPPEN vestiging methode 2024 2023
Dochterondernemingen
Ahlmar Germany GmbH3 Duitsland Integraal 0,00% 100,00%
Bexco NV2 Belgium Integraal 0,00% 100,00%
DV Offshore SAS Frankrijk Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Argentina Argentinië Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Energy Hong Kong Ltd Hongkong Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Energy Netherlands BV Nederland Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Energy Services BV Nederland Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Export Netherlands Nederland Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Fortitude LNG Limited Nederland Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR FSRU Hong Kong Ltd Hongkong Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Holdings Ltd Liberia Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Hong Kong Ltd Hongkong Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Import LNG Netherlands BV Nederland Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR LPG Holding BV Belgium Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR LNG Investments Ltd Liberia Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Lux SA Luxemburg Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Marine NV Belgium Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Netherlands BV Nederland Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR NV Belgium Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Offshore Company VS Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Offshore Ltd Bermuda Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Offshore Services SA Luxemburg Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Offshore BV Belgium Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Singapore Pte Ltd Singapore Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Shipmanagement BV Belgium Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Shipmanagement India Private Ltd India Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Small Scale LPG NL BV Nederland Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Small Scale LPG HK Ltd Hongkong Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Small Scale LPG BE BV Belgium Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR (UK) Shipping Company Ltd Groot
Brittannië
Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR VLGC BV Belgium Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR VLGC Netherlands BV Nederland Integraal 100,00% 100,00%
EXMAR Yachting BV Belgium Integraal 100,00% 100,00%
Franship Offshore Lux SA Luxemburg Integraal 100,00% 100,00%
Internationaal Maritiem Agentschap NV Belgium Integraal 99,03% 99,03%
Seavie Caribean Ltd Jamaica Jamaica Integraal 100,00% 100,00%
Seavie Private Ltd India Integraal 100,00% 100,00%
Solaia Shipping Llc Liberia Integraal 100,00% 100,00%
Tecto Cyprus Ltd Cyprus Integraal 100,00% 100,00%
Tecto Luxembourg SA Luxemburg Integraal 100,00% 100,00%
Travel Plus BV Belgium Integraal 100,00% 100,00%

1 Vennootschap opgericht in 2024

2 Aandelen verkocht

3 Vennootschap vereffend in 2024

TOELICHTING 37 - VERGOEDINGEN AAN DE COMMISSARIS

De wereldwijde vergoedingen voor audit en overige werkzaamheden uitgevoerd door de commissaris of de aan hen gerelateerde personen of vennootschappen kan als volgt worden gedetailleerd:

(In duizenden EUR) 2024 2023
Audit van de jaarrekeningen 579 439
Audit gerelateerde diensten 178 257
Fiscale dienstverlening 54 60
Vergoeding aan de commissaris 811 756

Voor 2024 en 2023 overtreffen de niet-audit diensten de audit diensten niet.

TOELICHTING 38 - GEBEURTENISSEN NA BALANSDATUM

  • Na december 2024 vonden er gebeurtenissen na balansdatum plaats.
  • In de joint-ventures vonden verschillende transacties plaats:
    • In januari 2025 nam EXMAR de 46.000m³ nieuwbouw dual-fuel MGC, genaamd CHAMPAGNY, in ontvangst.
    • In het 1ste kwartaal van 2025 sloot de groep de verwerving af van 4 scheepsbouwcontracten van Avance gas. Deze 4 dual-fuel LPG-schepen zullen worden uitgerust met geavanceerde dual-fuel LPG-motoren, waardoor EXMAR een pionier wordt in het gebruik van schonere en duurzamere maritieme brandstoffen. Deze schepen zullen in 2025 en 2026 worden opgeleverd. (zie Toelichting 33 - investeringsverplichtingen)
    • Er is een overeenkomst om de MGC WAREGEM in april 2025 te leveren.
  • Op 11 februari 2025 lanceerde Saverex haar vrijwillig en voorwaardelijk openbaar overnamebod op alle uitstaande aandelen van EXMAR NV die nog niet in haar bezit zijn, aan een prijs van EUR 11.50 per aandeel in cash (het "Bod"). De biedprijs zal euro-voor-euro verminderd worden met het brutobedrag van enige uitkeringen gedaan door EXMAR aan zijn aandeelhouders (inclusief in de vorm van een dividend, uitkering van uitgiftepremies, kapitaalvermindering of in enige andere vorm) met een betaaldatum die valt na de datum van dit persbericht en voor de betaaldatum van het Bod. Het Bod is onderworpen aan de voorwaarden uiteengezet in de Prospectus, goedgekeurd door de FSMA.
  • In 2025 leverde EXMAR de schepen HELANE en DEBBIE aan de nieuwe eigenaars.
  • In maart 2025 werd een verkoopovereenkomst getekend voor de verkoop van het drukschip FATIME, dat in januari 2026 geleverd zal worden.
  • De garantieperiode van de engineering-, aankoop- en bouwcontracten voor het Marine XII-project in Congo liep af in februari 2025. Bijgevolg heeft EXMAR de gerelateerde voorziening voor garantieclaims teruggenomen in het eerste kwartaal van 2025 (positieve impact van USD 15 miljoen).

Er vonden geen andere gebeurtenissen plaats na balansdatum.

BELANGRIJKE SCHATTINGEN EN OORDELEN VOOR FINANCIËLE VERSLAGGEVING

De belangrijke schattingen en oordelen die een risico kunnen inhouden van materiële aanpassing van de boekwaarden van activa en verplichtingen binnen het volgende boekjaar worden hieronder vermeld:

Waardevermindering

Het management voert ten minste jaarlijks een analyse uit op waardeverminderingen voor haar vloot. Deze analyse heeft op het jaareinde 2024 geen additionele risico's op waardeverminderingen aan het licht gebracht. We verwijzen ook naar Toelichting 14 Schepen en platformen en Toelichting 17 Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures in dit verslag voor aanvullende informatie.

VERKLARING MET BETREKKING TOT HET GETROUWE BEELD VAN DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING EN HET GETROUWE BEELD VAN HET JAARVERSLAG

De Raad van Bestuur, vertegenwoordigd door Nicolas Saverys (Voorzitter) en Francis Mottrie (vertegenwoordiger van FMO BV), en het Directiecomité, vertegenwoordigd door Carl-Antoine Saverys, CEO (vertegenwoordiger van CA SAVER BV) en Hadrien Bown, CFO (vertegenwoordiger van HAX BV), bevestigen hierbij dat, voor zover hen bekend,

  • de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar eindigend op 31 december 2024, opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS), uitgegeven door de International Accounting Standards Board (IASB) zoals aangenomen door de Europese Unie, een getrouw beeld geeft van de activa, de passiva, de financiële positie en de resultaten van de Vennootschap en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen als een geheel, en
  • het jaarverslag een getrouw beeld geeft van de belangrijke gebeurtenissen die zich in de loop van de verslagperiode hebben voorgedaan en van de belangrijkste transacties met de verbonden partijen, en het effect daarvan op de geconsolideerde financiële informatie, alsmede een beschrijving van de voornaamste risico's en onzekerheden waarmee zij geconfronteerd worden.

VERSLAG VAN DE COMMISSARIS AAN DE ALGEMENE VERGADERING VAN EXMAR NV OVER HET BOEKJAAR AFGESLOTEN OP 31 DECEMBER 2024 - GECONSOLIDEERDE JAARREKENING

In het kader van de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van EXMAR NV (de "vennootschap") en haar filialen (samen "de groep"), leggen wij u ons commissarisverslag voor. Dit bevat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening alsook de overige door wet- en regelgeving gestelde eisen. Dit vormt één geheel en is ondeelbaar.

Wij werden benoemd in onze hoedanigheid van commissaris door de algemene vergadering van 16 mei 2023, overeenkomstig het voorstel van het bestuursorgaan uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité. Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening afgesloten op 31 december 2025. Wij hebben de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van EXMAR NV uitgevoerd gedurende 8 opeenvolgende boekjaren.

Verslag over de geconsolideerde jaarrekening

Oordeel zonder voorbehoud

Wij hebben de wettelijke controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van de groep, die de geconsolideerde balans op 31 december 2024 omvat, alsook het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten en geconsolideerd overzicht van niet-gerealiseerde resultaten, het geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht over het boekjaar afgesloten op die datum en de toelichting, met de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige informatieverschaffing, waarvan het totaal van de geconsolideerde balans 1 020 186 (000) USD bedraagt en waarvan het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten afsluit met een winst van het boekjaar van 180 991 (000) USD.

Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van het vermogen en van de financiële toestand van de groep op 31 december 2024 alsook van zijn geconsolideerde resultaten en van zijn geconsolideerde kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS Accounting Standards) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.

Basis voor het oordeel zonder voorbehoud

Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens de internationale controlestandaarden (ISA's) zoals van toepassing in België. Wij hebben bovendien de door IAASB goedgekeurde internationale controlestandaarden toegepast die van toepassing zijn op huidige afsluitdatum en nog niet goedgekeurd op nationaal niveau. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn verder beschreven in de sectie "Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening" van ons verslag. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid.

Wij hebben van het bestuursorgaan en van de aangestelden van de vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.

Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.

Kernpunten van de controle

Kernpunten van onze controle betreffen die aangelegenheden die naar ons professioneel oordeel het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode. Deze aangelegenheden zijn behandeld in de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover, en wij verschaffen geen afzonderlijk oordeel over deze aangelegenheden.

Kernpunten van de controle Hoe onze controle de kernpunten van de controle
behandelde
Bijzondere waardeverminderingen voor vaste

activa - schepen en platformen

■ Vaste activa – schepen en platformen met een netto boekwaarde van 368 575 (000) USD vertegenwoordigen 36% van het geconsolideerde balanstotaal op 31 december 2024. De beoordeling door de directie van de waardering van vaste activa is belangrijk in het kader van onze audit omdat dit een complex proces betreft waarbij significante beoordelingen en inschattingen vanwege de directie noodzakelijk zijn.

Verwijzing naar toelichtingen

  • We verwijzen naar de geconsolideerde jaarrekening inclusief toelichting: 14 – Schepen en platformen.
  • We hebben het door de directie geïmplementeerde proces en de implementatie van de interne controles beschouwd, alsook testprocedures uitgevoerd met betrekking tot het ontwerp en de implementatie van de door management geïmplementeerde controles betreffende de beoordeling van indicatoren van bijzondere waardeverminderingen en het uitvoeren van bijzondere waardeverminderingsanalyses.
  • We zijn voor elke kasstroom genererende eenheid nagegaan of de indicatoren tot bijzondere waardeverminderingen, zoals bepaald in IAS 36, overwogen werden in de beoordeling van de directie.
  • Wij verkregen de waarderingsverslagen van externe makelaars dewelke door de directie worden gebruikt om in te schatten of er indicatoren zijn van bijzondere waardevermindering evenals voor het bepalen van de reële waarde minus verkoopkosten van de schepen.
  • Waar relevant, hebben we een beoordeling gemaakt van de assumpties die door de directie gebruikt werden in de gebruikswaarde berekeningen, voornamelijk de meest kritische assumpties zoals de vrachttarieven na de contractperiode en de verdisconteringsvoeten. Tijdens het kritisch beoordelen van deze veronderstellingen hebben we rekening gehouden met de werkelijke resultaten, reeds afgesloten contracten, externe info, onafhankelijke marktrapporten en marktomstandigheden.
  • We hebben de geschiktheid van de toelichtingen met betrekking tot bijzondere waardeverminderingen voor vaste activa beoordeeld.

Verantwoordelijkheden van het bestuursorgaan voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening

Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS Accounting Standards) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor de interne beheersing die het bestuursorgaan noodzakelijk acht voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten.

Bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening is het bestuursorgaan verantwoordelijk voor het inschatten van de mogelijkheid van de groep om haar continuïteit te handhaven, het toelichten, indien van toepassing, van aangelegenheden die met continuïteit verband houden en het gebruiken van de continuïteitsveronderstelling, tenzij het bestuursorgaan het voornemen heeft om de groep te liquideren of om de bedrijfsactiviteiten te beëindigen of geen realistisch alternatief heeft dan dit te doen.

Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening

Onze doelstellingen zijn het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid over de vraag of de geconsolideerde jaarrekening als geheel geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten en het uitbrengen van een commissarisverslag waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid, maar is geen garantie dat een controle die overeenkomstig de ISA's is uitgevoerd altijd een afwijking van materieel belang ontdekt wanneer die bestaat. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de economische beslissingen genomen door gebruikers op basis van deze geconsolideerde jaarrekening, beïnvloeden.

Bij de uitvoering van onze controle leven wij het wettelijk, reglementair en normatief kader na dat van toepassing is op de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België. De wettelijke controle biedt geen zekerheid omtrent de toekomstige levensvatbaarheid van de vennootschap, noch van de efficiëntie of de doeltreffendheid waarmee het bestuursorgaan de bedrijfsvoering van de vennootschap ter hand heeft genomen of zal nemen.

Als deel van een controle uitgevoerd overeenkomstig de ISA's, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel-kritische instelling gedurende de controle. We voeren tevens de volgende werkzaamheden uit:

  • het identificeren en inschatten van de risico's dat de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten, het bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden die op deze risico's inspelen en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Het risico van het niet detecteren van een van materieel belang zijnde afwijking is groter indien die afwijking het gevolg is van fraude dan indien zij het gevolg is van fouten, omdat bij fraude sprake kan zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten om transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing;
  • het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle, met als doel controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar die niet zijn gericht op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne beheersing van de groep;
  • het evalueren van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en het evalueren van de redelijkheid van de door het bestuursorgaan gemaakte schattingen en van de daarop betrekking hebbende toelichtingen;
  • het concluderen dat de door het bestuursorgaan gehanteerde continuïteitsveronderstelling aanvaardbaar is, en het concluderen, op basis van de verkregen controle-informatie, of er een onzekerheid van materieel belang bestaat met betrekking tot gebeurtenissen of omstandigheden die significante twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de groep om haar continuïteit te handhaven. Indien wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij ertoe gehouden om de aandacht in ons commissarisverslag te vestigen op de daarop betrekking hebbende toelichtingen in de geconsolideerde jaarrekening, of, indien deze toelichtingen inadequaat zijn, om ons oordeel aan te passen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van ons commissarisverslag. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat de groep haar continuïteit niet langer kan handhaven;
  • het evalueren van de algehele presentatie, structuur en inhoud van de geconsolideerde jaarrekening, en van de vraag of de geconsolideerde jaarrekening de onderliggende transacties en gebeurtenissen weergeeft op een wijze die leidt tot een getrouw beeld;
  • het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot de financiële informatie van de entiteiten of bedrijfsactiviteiten binnen de groep gericht op het tot uitdrukking brengen van een oordeel over de geconsolideerde jaarrekening. Wij zijn verantwoordelijk voor de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de groepscontrole. Wij blijven ongedeeld verantwoordelijk voor ons oordeel.

Wij communiceren met het auditcomité onder meer over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante controlebevindingen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing die wij identificeren gedurende onze controle.

Wij verschaffen aan het auditcomité tevens een verklaring dat wij de relevante deontologische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd, en wij communiceren met hen over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en, waar van toepassing, over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen.

Uit de aangelegenheden die aan het auditcomité zijn gecommuniceerd bepalen wij die zaken die het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode, en die derhalve de kernpunten van onze controle uitmaken. Wij beschrijven deze aangelegenheden in ons verslag, tenzij het openbaar maken van deze aangelegenheden is verboden door wet- of regelgeving.

OVERIGE DOOR WET- EN REGELGEVING GESTELDE EISEN

Verantwoordelijkheden van het bestuursorgaan

Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, met inbegrip van de duurzaamheidsinformatie en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening.

Verantwoordelijkheden van de commissaris

In het kader van ons mandaat en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden (ISA's), is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport te verifiëren, en verslag over deze aangelegenheden uit te brengen.

Aspecten betreffende het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening

Het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening bevat de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie die het voorwerp uitmaakt van ons afzonderlijk verslag betreffende de beperkte mate van zekerheid met betrekking tot deze duurzaamheidsinformatie. Deze sectie betreft niet de assurance over de geconsolideerde duurzaamheidsinformatie opgenomen in het jaarverslag. Voor dit deel van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening verwijzen wij naar ons verslag hieromtrent.

Na het uitvoeren van specifieke werkzaamheden op het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij van oordeel dat dit jaarverslag overeenstemt met de geconsolideerde jaarrekening voor hetzelfde boekjaar en is opgesteld overeenkomstig het artikel 3:32 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.

In de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij tevens verantwoordelijk voor het overwegen, in het bijzonder op basis van de kennis verkregen tijdens de controle, of het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat, hetzij informatie die onjuist vermeld is of anderszins misleidend is. In het licht van de werkzaamheden die wij hebben uitgevoerd, dienen wij u geen afwijking van materieel belang te melden.

Vermeldingen betreffende de onafhankelijkheid

  • Ons bedrijfsrevisorenkantoor en ons netwerk hebben geen opdrachten verricht die onverenigbaar zijn met de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening en ons bedrijfsrevisorenkantoor is in de loop van ons mandaat onafhankelijk gebleven tegenover de groep.
  • De honoraria voor de bijkomende opdrachten die verenigbaar zijn met de wettelijke controle bedoeld in artikel 3:65 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen werden correct vermeld en uitgesplitst in de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening.

Europees uniform elektronisch formaat (ESEF)

Wij hebben ook, overeenkomstig de ontwerpnorm inzake de controle van de overeenstemming van de financiële overzichten met het Europees uniform elektronisch formaat ("ESEF"), de controle uitgevoerd van de overeenstemming van het ESEF-formaat en de markeertaal met de technische reguleringsnormen vastgelegd door de Europese Gedelegeerde Verordening nr. 2019/815 van 17 december 2018 ("Gedelegeerde Verordening").

Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen, in overeenstemming met de ESEF vereisten, van de geconsolideerde financiële overzichten in de vorm van een elektronisch bestand in ESEF-formaat ("digitale geconsolideerde financiële overzichten") opgenomen in het jaarlijks financieel verslag.

Het is onze verantwoordelijkheid voldoende en geschikte onderbouwende informatie te verkrijgen om te concluderen dat het formaat en de markeertaal van de digitale geconsolideerde financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten voldoen aan de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening.

Op basis van de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn wij van oordeel dat het formaat van en de markering van informatie in de digitale geconsolideerde financiële overzichten opgenomen in het jaarlijks financieel verslag van EXMAR NV per 31 december 2024 in alle van materieel belang zijnde opzichten in overeenstemming zijn met de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening.

Andere vermeldingen

■ Huidig verslag is consistent met onze aanvullende verklaring aan het auditcomité bedoeld in artikel 11 van de verordening (EU) nr. 537/2014.

Getekend te Zaventem.

De commissaris

Deloitte Bedrijfsrevisoren BV

Vertegenwoordigd door Fabio De Clercq

STATUTAIRE JAARREKENING

De jaarrekening van EXMAR NV wordt hieronder beknopt samengevat. De volledige versie van de jaarrekening van EXMAR NV wordt neergelegd bij de Nationale Bank van België en is beschikbaar op de website (www.exmar.be). Een kopie van de jaarrekening kan kosteloos verkregen worden op aanvraag. In zijn verslag heeft de commissaris geen voorbehoud gemaakt betreffende de statutaire jaarrekening van EXMAR NV.

(In duizenden USD)
BALANS
31/12/2024 31/12/2023
Vaste activa 484.689 320.512
Immateriële en materiële vaste activa 373 192
Financiële vaste activa 484.315 320.320
Vlottende activa 320.469 137.269
Vorderingen op ten hoogste één jaar 123.445 53.723
Geldbeleggingen 134.811 18.147
Kas en kasequivalenten 60.913 64.427
Overlopende rekeningen 1.300 973
Total activa 805.158 457.781
Eigen vermogen 599.625 306.609
Kapitaal 88.812 88.812
U
itgiftepremies
124.634 124.634
Reserves 94.061 87.200
Overgedragen resultaat 292.118 5.964
Voorzieningen en uitgestelde belastingen 2.850 13.296
Voorzieningen 2.850 13.296
Verplichtingen 202.683 137.875
Schulden op meer dan één jaar 79.855
Schulden op ten hoogste één jaar 122.828 137.875
Totaal eigen vermogen en verplichtingen 805.158 457.781
(In duizenden USD) 01/01/2024 01/01/2023
WINST- EN VERLIESREKENING 31/12/2024 31/12/2023
Bedrijfsopbrengsten 5.736 6.121
Bedrijfskosten -9.236 -28.415
Bedrijfsresultaat -3.500 -22.293
Financiële opbrengsten 301.994 36.334
Financiële kosten -4.480 -11.598
Resultaat voor belastingen 294.014 2.443
Belastingen op het resultaat -999 192
Resultaat van het boekjaar 293.015 2.634
Resultaatsverwerking
T
e bestemmen winst
298.979 294.648
Onttrekking/toevoeging aan reserves -6.861 88.045
Over te dragen resultaat -292.118 -5.964
U
itkering van winst
-376.729

Woordenlijst

AER Annual Efficiency Ratio
AGM Annual General Meeting
AMA Antwerp Maritime Academy
ASBL Association Sans But Lucratif
BCCA Belgian Code of Companies and Associations
BCMA Billion Cubic Meters per Annum
BIMCO Baltic and International Maritime Council
BOD Board of Directors
BTX Mixtures of benzene, toluene, and the three xylene isomers
BWMP Ballast Water Management Plan
CAPEX Capital Expenditure
CBA Collective Bargaining Agreement
cbm Cubic meters (m³)
CCS Carbon capture and storage
CCU Carbon Capture and Utilisation
CCUS Carbon Capture, Utilisation and Storage
CDI Chemical Distribution Institute
CEO Chief Executive Officer
CFO Chief Financial Officer
CII Carbon Intensity Indicator
CMB Compagnie Maritime Belge
CO2 Carbon dioxide
COO Chief Operating Officer
COSO Committee of Sponsoring Organizations
CP Charter Party
CSRD Corporate Sustainability Reporting Directive
DCR Document Change Request
DCS IMO Fuel Oil Data Collection System
DOC Document of Compliance
DPA Designated Person Ashore
DVO DV Offshore
EBIT Earnings Before Interest and Taxes
Earnings Before Interest, Taxes, Depreciation, and Amortization
EBITDA Adjusted EBITDA: EBITDA adjusted for certain non-recurring transactions for which management
believes that excluding these provides better insights in the actual performance of the Group.
ECA Emission Control Area
ECSA European Community Ship-Owners Association
EEDI Energy Efficiency Design Index
EEXI Energy Efficiency Existing Ship Index
EGM Expert Group Meeting
EOC EXMAR Offshore Company
EPC Engineering, Procurement and Conversion
EPD Environmental Product Declaration
ERP Enterprise Resource Planning
ESG Environment, Social, Governance
ESI Environmental Ship Index
ESM EXMAR Shipmanagement
ESRS European Sustainability Reporting Standards
ETS Emission Trading Scheme
EU European Union
EUA EU Allowances
EU MRV EU Monitoring, Reporting and Verification Regulation
EU ETS EU Emissions Trading System
FID Final Investment Decision
FLNG Floating Liquefaction of Natural Gas
FOC Fuel Oil Consumption
FPS Floating Production System
FPSO Floating Production Storage and Offloading-unit
fr Fully refrigerated
FSIU Floating Storage and Injection Unit
FSO Floating Storage and Offloading
FSPO Floating Storage Production and Offloading
FSRP Floating Storage Regasification and Power generation
FSRU Floating Storage and Regasification Unit
FSU Floating Storage Unit
GDPR General Data Protection Regulation
GHG Greenhouse Gas
GHGi Greenhouse Gas Intensity
HFO Heavy Fuel Oil
HSEEQ Health Safety Environmental Energy and Quality
HSEQ Health Safety Environment and Quality
HSSEQ Health, Safety, Security, Environment and Quality
HyMethShip Hydrogen Methanol Ship
IAS International Accounting Standards
IFRS International Financial Reporting Standards
IHM Inventory of Hazardous Materials
IMO International Maritime Organization
IPCC Intergovernmental Panel on Climate Change
IRA Inflation Reduction Act
IRO Impact, Risk and Opportunity
ISO International Organization for Standardization
JHA Job Hazard Analysis
JV Joint Venture
KPI Key Performance Indicator
LCO2 Liquid Carbon Dioxide
LDO Light Diesel Oil
LGC Large Gas Carrier
LNG Liquefied Natural Gas
LNG/C Liquefied Natural Gas Carrier
LNGRV Liquefied Natural Gas Regasification Vessel
LOHC Liquid Organic Hydrogen Carrier
LOHC Liquid Organic Hydrogen Carrier
LPG Liquefied Petroleum Gas
LSFO Low Sulphur Fuel Oil
LTI Lost Time Injury
LTIF Lost Time Injury Frequency
LWC Lost Workday Case
MAN-ES MAN Energy Solutions SE
MARPOL International Convention for the Prevention of Pollution from Ships
MDO Marine Diesel Oil
MGC Midsize Gas Carrier
MGO Marine Gas Oil
Midsize 20,000 m³ to 40,000 m³
Mio Million
MLC Maritime Labor Convention
Million Standard Cubic Feet / day
MMSCFD also mentioned as: mm scf / day
MMT Million Metric Tons
MRV Measurement, Reporting and Verification - EU Regulation No. 757/2015
MT Metric Tons
MTI MTI Network, risk management and crisis response company
MTPA Metric Tons Per Annum
MWh Megawatt hour
NH3 Ammonia
NM Nautical Miles
NOx Nitrogen Oxides
NPK Nitrogen (N) - Phosphorus (P) - Potassium (K)
NTVRP US Nontank Vessel Response Plan
O&M Operations & Maintenance
OB Order Book
OCIMF Oil Companies Marine International Forum
ODS Ozone Depleting Substances
OIM Offshore Terminal Installation Manager
OPEX Operating Expenditures
OSBIT On Spec, Budget and In Time
PDH Propane DeHydrogenation
Petchems Petrochemicals
PPD Permanent Partial Disability
PPM Parts per million
pr Pressurized
PTD Permanent Total Disability
PVC Polyvinyl chloride
R&D Research and Development
RBSA Royal Belgian Shipowner's Association
REBITDA Recurring earnings before interests, taxes, depreciations and amortizations
SCF Standard Cubic Foot
SCR Selective Catalytic Reduction
SDG Sustainable Development Goals
SEEMP Ship Energy Efficiency Management Plan
Semi-ref. Semi-refrigerated LPG carrier
SIGTTO Society of International Gas Tanker and Terminal Operators
SMPEP Shipboard Marine Pollution Emergency Plan
SMS Safety Management System
SOLAS International Convention for the Safety of Life at Sea
SOPEP Shipboard Oil Pollution Emergency Plan
SOX Sulphur Oxides
SRDII Second Shareholders' Rights Directive
SRR EU Ship Recycling Regulation No. 1257/2013
STCW International convention on Standards of Training, Certification and Watchkeeping for Seafarers
STS Ship-to-ship cargo transfer
TC Time Charter
TCE Time Charter Equivalent
TMSA Tanker Manager and Self-Assessment
TRC Total Recordable Case
TRCF Total Recordable Case Frequency
TTSL Taking The Safety Lead
U/C Under Construction
ULCV Ultra Large Container Vessel
ULGC Ultra Large Gas Carrier
UN United Nations
UNCLOS United Nations Convention on the Law of the Sea
USCG United States Coast Guard
USD United States Dollar
US EPA United States Environmental Protection Agency
UV Ultra Violet
VCM Vinyl Chloride Monomer
VLAC Very Large Ammonia Carrier
VLGC Very Large Gas Carrier
VLSFO Very Low Sulphur Fuel Oil

COLOFON

Raad van bestuur

  • Nicolas Saverys Uitvoerend Voorzitter
  • FMO BV vertegenwoordigd door Francis Mottrie
  • ACACIA I BV vertegenwoordigd door Els Verbraecken
  • Maryam Ayati
  • Michel Delbaere
  • Wouter De Geest
  • Carl-Antoine Saverys
  • Stephanie Saverys
  • Baron Philippe Vlerick
  • Isabelle Vleurinck

EXMAR NV

De Gerlachekaai 20 2000 Antwerpen

Tel: +32(0)3 247 56 11 Fax: +32(0)3 247 56 01

Ondernemingsnummer: 0860.409.202

RPR Antwerpen – afdeling Antwerpen

Website: www.exmar.be

E-mail: [email protected]

Commisaris

Deloitte Auditors Vertegenwoordigd door Dhr. Fabio De Clercq

De Nederlandstalige versie van dit verslag moet als officiële versie worden beschouwd

Contact

Alle persberichten van EXMAR kunnen geraadpleegd worden op de website: www.exmar.be

Vragen kunnen telefonisch gesteld worden op het nummer +32(0)3 247 56 11 of met een e-mail naar [email protected], ter attentie van HAX BV vertegenwoordigd door Hadrien Bown (CFO) of Mathieu Verly (secretaris)

Als u ons jaarverslag op papier wenst te ontvangen, stuurt u een e-mail naar [email protected]

Uitvoerend comité

  • Casaver BV vertegenwoordigd door Carl-Antoine Saverys Chief Executive Officer
  • FMO BV vertegenwoordigd door Francis Mottrie Chief Operating Officer
  • HAX BV vertegenwoordigd door Hadrien Bown Chief Financial Officer
  • FLX Consultancy BV vertegenwoordigd door Jonathan Raes Executive Director Infrastructure
  • Lisann AS vertegenwoordigd door Jens Ismar Executive Director Shipping

FINANCIËLE KALENDER

Jaarlijkse aandeelhoudersvergadering 20 mei 2025 Resultaten 1e semester 2025 4 september 2025

EXMAR 2024

Talk to a Data Expert

Have a question? We'll get back to you promptly.