Annual Report • Apr 28, 2017
Annual Report
Open in ViewerOpens in native device viewer
| 7 |
|---|
| 8 |
| 11 |
| 12 |
| LPG/ammoniak/petrochemische gassen | 18 |
|---|---|
| LNG | 24 |
| Offshore | 30 |
| Diensten | 36 |
| Milieu | 42 |
|---|---|
| Mensen – ons kostbaarste kapitaal | 46 |
| EXMAR in de gemeenschap | 49 |
| Corporate Governance Verklaring | 53 |
|---|---|
| Jaarverslag | 68 |
| Geconsolideerde jaarrekening | 75 |
| Statutaire jaarrekening | 137 |
COLOFON, WOORDENLIJST Colofon Woordenlijst
140 141
Nicolas Saverys CEO, EXMAR
Philippe Bodson VOORZITTER, EXMAR
Hoewel 2016 een zeer uitdagend jaar was voor de zeevaart- en energiemarkt, is EXMAR erin geslaagd om op koers te blijven. Ons beleid van het afgelopen decennium om langetermijncontracten af te sluiten met sterke partners bleek de juiste strategie te zijn.
De zwaarste crisis in de zeevaartsector had dus nauwelijks gevolgen voor onze resultaten. Er liggen echter nog grote uitdagingen in het verschiet. Doordat de bouw van ons FLNG-platform vertraging opliep, verloren we ons contract met PRE. Achteraf gezien kunnen we dat als iets positiefs beschouwen. Door de dalende energieprijzen moest PRE namelijk uitstel van betaling aanvragen. Ondertussen nemen we een van de meest competitief geprijsde liquefactie-eenheden ooit in ontvangst.
Bij EXMAR volgen we de stromen van de wereldwijde energiemix voortdurend op de voet. Zo kunnen we ons doel realiseren: waarde creëren voor onze klanten in de toeleveringsketens voor LNG en LPG. Het afgelopen decennium hebben we bewezen een toonaangevende innovator te zijn, en zo slaagde EXMAR erin om de grootste FSRU-operator ter wereld te worden. We zullen naar uitmuntendheid blijven streven om gas op een veilige en ecologisch duurzame manier op te slaan, te vervoeren en te transformeren.
Het idee om LNG als brandstof te gebruiken wint aan belang, maar de voordelen hiervan vallen nog af te wachten. De apparatuurkosten en operationele vaardigheden die nodig zijn om LNG als brandstof te gebruiken, blijven een uitdaging. Het concurrentielandschap tussen LNG als brandstof enerzijds en hernieuwbare energiebronnen anderzijds blijft gericht op hernieuwbare energiebronnen, als gevolg van overheidssubsidies, vooral in Europa.
Wat offshore boringen en productie betreft, worden er minder nieuwe velden in de diepzee ontgonnen wegens de aanhoudend lage olie- en gasprijzen. De gedeponeerde OPTI®-serie van drijvende productiefaciliteiten van EXMAR heeft echter bewezen dat onze OPTI®-klanten met rendabele marges kunnen werken, zelfs bij de lage olieprijzen van vandaag. Dit maakt toekomstige projecten haalbaar en rendabel onder de huidige omstandigheden.
We bedanken al onze collega's over de hele wereld – zowel aan land als op zee – voor hun inzet en harde werk. Zij zijn de permanente ambassadeurs van EXMAR, die ernaar streven om innovatieve oplossingen aan te reiken voor het vervoer en de transformatie van gas als een veilige, zuinige en duurzame energiebron.
| International Financial Reporting Standards (IFRS 11) (Voetnoot 1) |
Management rapportering gebaseerd op proportionele consolidatie (Voetnoot 2) |
|||
|---|---|---|---|---|
| Totaal per 31/12/2016 |
Totaal per 31/12/2015 |
Totaal per 31/12/2016 |
Totaal per 31/12/2015 |
|
| GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN (IN MILJOEN USD) | ||||
| Omzet | 96,0 | 112,2 | 278,5 | 315,3 |
| EBITDA | 7,8 | -23,8 | 116,5 | 99,5 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -6,8 | -5,2 | -46,1 | -59,3 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 1,0 | -29,0 | 70,4 | 40,2 |
| Financiële resultaat | -0,3 | 8,9 | -35,8 | -24,6 |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen en joint ventures |
34,6 | 35,2 | 0,7 | -0,3 |
| Resultaat vóór belastingen | 35,3 | 15,1 | 35,3 | 15,3 |
| Belastingen op het resultaat | 0,5 | -3,9 | 0,5 | -4,1 |
| Geconsolideerd resultaat na belastingen | 35,8 | 11,2 | 35,8 | 11,2 |
| Aandeel van de Groep in het resultaat | 35,8 | 11,2 | 35,8 | 11,2 |
| GEGEVENS PER AANDEEL (IN USD PER AANDEEL) | ||||
| Gewogen gemiddelde van het aantal aandelen tijdens de periode | 56.751.292 | 56.770.261 | 56.751.292 | 56.770.261 |
| EBITDA | 0,14 | -0,42 | 2,05 | 1,75 |
| EBIT (bedrijfsresultaat) | 0,02 | -0,51 | 1,24 | 0,71 |
| Geconsolideerd resultaat na belastingen | 0,63 | 0,20 | 0,63 | 0,20 |
| GEGEVENS PER AANDEEL (IN EUR PER AANDEEL) | ||||
| Wisselkoers | 1.1061 | 1.1150 | 1.1061 | 1.1150 |
| EBITDA | 0,12 | -0,38 | 1,86 | 1,57 |
| EBIT (bedrijfsresultaat) | 0,02 | -0,46 | 1,12 | 0,64 |
| Geconsolideerd resultaat na belastingen | 0,57 | 0,18 | 0,57 | 0,18 |
Voetnoot 1: De cijfers in deze kolommen werden opgemaakt op basis van IFRS zoals toegepast door de EU. Voetnoot 2: De cijfers in deze kolommen tonen de joint ventures die de proportionele consolidatie methode toepassen in plaats van de equity-methode. Deze cijfers komen overeen met de bedragen in de "Totaal" kolom van toelichting 2 Segment Rapportering in het Financieel Verslag per 31 december 2016. Een reconciliatie tussen de bedragen met toepassing van de proportionele methode en de equity-methode is weergegeven in toelichting 3 Reconciliatie Segment Rapportering in het Financieel Verslag per 31 december 2016.
Het aandeel van EXMAR is genoteerd op Euronext Brussels en maakt sinds 23 juni 2003 deel uit van de BEL Mid Index (EXM). De referentieaandeelhouder is SAVEREX nv.
TOTAAL: 59.500.000 AANDELEN
| � LPG 36,52% |
� LNG 30,54% |
||
|---|---|---|---|
| 31/12/2016 | 31/12/2015 | ||
| PROPORTIONELE CONSOLIDATIE (IN MILJOEN USD) |
(IN MILJOEN USD) | ||
| Omzet | 109,4 | 124,5 | |
| EBITDA | 56,0 | 51,3 | |
| REBITDA (*) | 41,7 | 51,4 | |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 34,2 | 17,8 | |
| Geconsolideerd resultaat ná belastingen |
19,8 | 9,4 | Geconsolideerd resultaat ná belastingen |
| waarvan aandeel groep | 19,8 | 9,4 | |
| Schepen (incl. schepen in aanbouw) | 403,4 | 309,0 | |
| Financiële schulden | 275,4 | 210,4 |
Met haar evenwichtige portefeuille van tijdbevrachtingscontracten en spotladingen voor blue-chip klanten bekleedt EXMAR een nichepositie wat het transport van LPG/Ammoniak/Petrochemische producten over zee betreft. Dankzij haar eersteklas intern technisch beheer en bemanningsbeleid bezit en exploiteert EXMAR een van de modernste, meest competitieve en zuinigste vloten van LPG-tankers uit de sector.
Als specialist van drijvende activa ontwerpt en bouwt EXMAR Offshore innovatieve oplossingen voor de offshore productie van olie en gas. Haar OPTI® Floating Production System heeft bewezen dat het de beste breakeven-prijzen per vat van de sector oplevert. EXMAR bezit en exploiteert ook diverse offshore activa, waaronder offshore accommodatieplatformen.
Financiële schulden 5,0 7,0
31/12/2016 31/12/2015
| PROPORTIONELE CONSOLIDATIE (IN MILJOEN USD) |
||
|---|---|---|
| Omzet | 91,5 | 88,7 |
| EBITDA | 59,4 | 39,4 |
| REBITDA (*) | 50,4 | 53,1 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 41,0 | 20,9 |
| Geconsolideerd resultaat ná belastingen |
16,4 | 5,9 |
| waarvan aandeel groep | 16,4 | 5,9 |
| Schepen (incl. schepen in aanbouw) | 578,9 | 585,4 |
| Financiële schulden | 373,4 | 391,4 |
EXMAR is actief in het transport, de hervergassing en vloeibaarmaking van LNG. Haar schepen en drijvende opslag- en hervergassingseenheden (FSRU's) worden vooral ingezet bij langlopende tijdbevrachtingscontracten met een beperkte OPEX-blootstelling. In 2017 zal de vloot worden uitgebreid met een drijvend vloeibaarmakingsplatform om aardgas te transformeren tot LNG voor de export en met een FSRU om LNG te hervergassen voor de import en levering aan energienetten aan land.
| 31/12/2016 | 31/12/2015 | |
|---|---|---|
| PROPORTIONELE CONSOLIDATIE (IN MILJOEN USD) |
||
| Omzet | 46,3 | 49,2 |
| EBITDA | 1,9 | 0,1 |
| REBITDA (*) | 1,1 | 0,1 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | -1,2 | -3 |
| Geconsolideerd resultaat ná belastingen |
1,1 | -5,1 |
| waarvan aandeel groep | 1,1 | -5,1 |
| Schepen (incl. schepen in aanbouw) | 0,0 | 0,0 |
| Financiële schulden | 126,3 | 119,6 |
Naast haar kernactiviteiten heeft EXMAR ook zakelijke belangen in diverse bedrijven op het vlak van scheepsbemanningen en -onderhoud, verzekeringen, gespecialiseerde reizen, offshore con sultancy en leveringen aan de maritieme en offshore-industrie.
(*) REBITDA: recurrent bedrijfsresultaat voor intresten, belastingen, afschrijvingen en waardeverminderingen. Volgende elementen worden uitgesloten van EBITDA: badwill pressurized vloot transactie (LPG: USD 14,3 miljoen), verbrekingsvergoeding PEP (LNG: USD 9 miljoen), meerwaarde WARIBOKO (Offshore: USD 0,9 miljoen) en herwaardering bestaande participatie CMC Belgibo naar reële waarde (Services: USD 0,8 miljoen).
| BELANGRIJKSTE RATIO'S IN MUSD |
MARKT KAPITALISATIE |
TOTALE ACTIVA | NETTO SCHULDEN | VERHOUDING EIGEN VERMOGEN/ |
EBITDA (2016) |
|---|---|---|---|---|---|
| (Volgens de proportionele consolidatie |
TOTAAL VERMOGEN | ||||
| methode) | 461,7 | 1.325,9 | 559,1 | 32,63% | 116,5 |
EXMAR biedt drijvende oplossingen voor de exploitatie, het vervoer en de transformatie van gas aan. EXMAR wil haar klanten innovaties aanbieden op het vlak van de offshore-ontginning, transformatie, productie, opslag en transport over zee van vloeibaar aardgas, petrochemische gassen en vloeibare koolwaterstoffen.
EXMAR ontwikkelt economisch haalbare en duurzame waardeketens voor energie, in het kader van langlopende allianties met eersteklas zakenpartners.
Hiertoe ontwerpt, bouwt, certifi ceert, bezit, leaset en exploiteert EXMAR gespecialiseerde drijvende maritieme infrastructuur. Ook voldoet het bedrijf aan de strengste normen voor commercieel, technisch en administratief beheer en kwaliteitsborging voor de hele maritieme energiesector.
EXMAR ontwikkelt economisch haalbare en duurzame waardeketens voor energie, in het kader van langlopende allianties met eersteklas zakenpartners. "
Belgisch, Bulgaars, Oekraïens, Lets, Kroatisch, Indiaas, Nederlands, Filipijns, Pools, Russisch, Jamaicaans, Trinidadiaans, Duits
Argentijns, Belgisch, Canadees, Oekraïens, Kroatisch, Indiaas, Italiaans, Marokkaans, Nederlands, Pools, Senegalees, Tunesisch, Amerikaans, Jamaicaans, Filipijns
Belgisch, Bulgaars, Kroatisch, Colombiaans, Nederlands, Frans, Indiaas, Italiaans, Jamaicaans, Lets, Libanees, Pools, Roemeens, Spaans, Oekraïens
Houston VS
�� 990
�572 �
FLNG: Floating Liquefaction Unit (drijvende liquefactie-eenheid)
VLGC: Very Large Gas Carrier (zeer grote gastanker)
N.B.: Deze lijst omvat 100% eigen vaartuigen, vaartuigen in een joint venture en gecharterde vaartuigen op 30 maart 2017
EXMAR TOTALE VRACHT VERVOERD IN 2016
| Capaciteit (m3 ) |
Bouwjaar | Status | |
|---|---|---|---|
| LPG MIDSIZE | |||
| TOURAINE | 39.270 | 1996 | j.v. |
| EUPEN | 38.961 | 1996 | j.v. |
| LIBRAMONT | 38.455 | 2006 | j.v. |
| SOMBEKE | 38.447 | 2006 | j.v. |
| WAASMUNSTER | 38.245 | 2014 | j.v. |
| WARISOULX | 38.227 | 2015 | j.v. |
| WARINSART | 38.213 | 2014 | j.v. |
| WAREGEM | 38.189 | 2014 | j.v. |
| KAPRIJKE | 38.405 | 2015 | j.v. |
| KNOKKE | 38.405 | 2016 | j.v. |
| KONTICH | 38.405 | 2016 | j.v. |
| KORTRIJK | 38.405 | 2016 | j.v. |
| KALLO | 38.405 | 2017 | j.v. |
| BRUSSELS | 35.454 | 1997 | j.v. |
| BASTOGNE | 35.229 | 2002 | j.v. |
| ANTWERPEN | 35.223 | 2005 | t.c./j.v. |
| COURCHEVILLE | 28.006 | 1989 | j.v. |
| TOTAAL | 633.944 | ||
| LPG PRESSURIZED | |||
| SABRINA | 5.019 | 2009 | in bezit |
| HELANE | 5.018 | 2009 | in bezit |
| FATIME | 5.018 | 2010 | in bezit |
| ELISABETH | 3.542 | 2009 | in bezit |
| MAGDALENA | 3.541 | 2008 | in bezit |
| ANNE | 3.541 | 2010 | in bezit |
| ANGELA | 3.540 | 2010 | in bezit |
| JOAN | 3.540 | 2009 | in bezit |
| MARIANNE | 3.539 | 2009 | in bezit |
| Capaciteit (m3 ) |
Bouwjaar | Status | |||
|---|---|---|---|---|---|
| LPG MIDSIZE NIEUWBOUW | |||||
| HANJIN P127 | 38.405 | juli 2017 | j.v. | ||
| HANJIN P135 | 38.405 | oktober 2017 | j.v. | ||
| HANJIN P136 | 38.405 | februari 2018 | j.v. | ||
| TOTAAL | 115,215 | ||||
| LPG SEMIGEKOELD | |||||
| TEMSE | 12.030 | 1995 | bareboat-in | ||
| TOTAAL | 12.030 | ||||
| LPG VLGC | |||||
| BW TOKYO | 83.270 | 2009 | t.c./j.v. | ||
| TOTAAL | 83.270 | ||||
| Capaciteit | Productie | Bouw | |||
| Type | (m3 ) |
capaciteit | jaar | Status | |
| LNG TANKER | |||||
| EXCEL | Ing | 138.107 | n.a. | 2003 | j.v. |
| EXCALIBUR | Ing | 138.034 | n.a. | 2002 | j.v. |
| TOTAAL | 2 | 276.141 | |||
| LNG FSRU | |||||
| EXPRESS | fsru | 151.116 | 600 mm ft3 | 2009 | j.v. |
| EXPLORER | fsru | 150.981 | 1200 mm ft3 | 2008 | j.v. |
| EXCELSIOR | fsru | 138.087 | 600 mm ft3 | 2005 | j.v. |
| EXCELERATE | fsru | 138.074 | 600 mm ft3 | 2006 | j.v. |
| FSRU BARGE | Ing | 25.000 | 600 mm ft3 | 2017 | in |
| bezit | |||||
| TOTAAL | 5 | 603.258 | |||
| FLNG | |||||
| CARIBBEAN FLNG | fl ng | 16.100 | 0.5 mtpa | 2017 | in |
| bezit | |||||
| TOTAAL | 1 | 16.100 |
| Type | Personen aan boord (POB) | Bouwjaar | Status | |
|---|---|---|---|---|
| OFFSHORE INFRASTRUCTUUR | ||||
| KISSAMA | Werk-/accommodatieplatform | 300 | 1995 | in bezit |
| NUNCE | Werk-/accommodatieplatform | 350 | 2010 | j.v. |
| WARIBOKO | Werk-/accommodatieplatform | 300 | 2009 | j.v. |
j.v.: joint venture t.c.: time charter
DEBBIE 3.518 2009 in bezit
TOTAAL 39.816
* Omvat alle bovenstaande vaartuigen, uitgezonderd de Midsize LPG-nieuwbouw en het FSRU-platform in aanbouw
LPG/AMMONIAK/ PETROCHEMISCHE GASSEN LNG OFFSHORE DIENSTEN
02
EXMAR LPG is een toonaangevende reder en exploitant inzake het transport van vloeibare gasproducten zoals Liquid Petroleum Gas (butaan, propaan en een mengsel van beide), watervrije ammoniak en petrochemische gassen. Met zijn vloot van ruim 30 gespecialiseerde LPG-tankers is EXMAR wereldwijd actief in de meststoffensector, schone brandstoffen en petrochemische industrie. Als vooraanstaande middelgrote LPGeigenaar/-exploitant haalt EXMAR voordeel uit langetermijncontracten met zijn eersteklas klanten.
Na twee jaar van goede vrachtvervoersprestaties zijn de inkomsten voor alle segmenten sterk gedaald, als gevolg van de levering van een groot aantal schepen, een gebrek aan arbitragemogelijkheden op lange afstanden en de afvlakkende Amerikaanse LPG-export.
Ondanks de historisch hoge volumes groeide de Amerikaanse LPGexport niet even sterk, als gevolg van het relatief hoge peil van de productprijzen en de tragere productiegroei.
Doorheen het jaar exporteerde Saudi-Arabië beduidend meer dan in de vorige jaren – meer dan 10 miljoen ton, of ongeveer drie miljoen ton meer dan in 2014 en 2015 – in een poging om hun marktaandeel te beschermen. Saudi-Arabië en de US behoren tot de grootste exporteurs van de wereld.
China en India blijven de belangrijkste motoren van de import, terwijl Japan jaar na jaar dalingen laat optekenen. In 2016 voerde China 16 miljoen ton in, 34% meer dan in 2015. Bovendien was er een sterke daling van de opstoppingen in Indiase havens, en dit had een positieve impact op de beschikbaarheid van vaartuigen.
In het vierde kwartaal steeg de export vanuit de Amerikaanse Golf, dankzij de seizoensgebonden vraag naar LPG in het Verre Oosten, de ingebruikneming van de nieuwe LPG-terminal van P66 in Freeport (Texas) en de beslissing van de OPEC om de olieproductie te verminderen, wat een positief effect had op de LPG-prijzen.
In het segment Very Large Gas Carrier (VLGC) was er een heropleving van de spotactiviteiten en een verdere consolidatie van de markt. Bij het begin van het jaar stond de Baltic Freight Index op 57 dollar per metrische ton – goed voor 1,6 miljoen USD per maand voor een moderne tanker van 84.000 m³ – en aan het eind van het jaar op net iets minder dan 33 USD per metrische ton, goed voor 560.000 USD aan inkomsten per maand. In september bereikte de index zijn laagste peil voor dat jaar: 18,4 USD per metrische ton, goed voor 175.000 USD per maand.
VLGC - TIMECHARTER EQUIVALENT (TCE)
In de loop van het jaar waren er in totaal 43 leveringen in het segment grote vaartuigen (Very Large Ethane Carriers niet inbegrepen; die vallen onder specifi eke handelsstromen). Voor 2017 worden er nog eens 31 verwacht. Ondanks het grote aantal nieuwbouwschepen die de afgelopen jaren werden geleverd, is 15% van de VLGC-vloot nog in bestelling.
Hoewel het Midsize Gas Carrier (MGC)-segment voor het grootste deel van het jaar nog altijd betere cijfers kon voorleggen dan de grotere segmenten, zorgde de neerwaartse druk als gevolg van de
MGC 1-JARIGE TC-CIJFERS (USD/MAAND)
verzwakking van de VLGC- en LGC-markten uiteindelijk ook in de segmenten MGC en Handysize voor aanzienlijke correcties.
Vaartuigen in dit segment hadden ook te lijden onder het lagere aantal arbitragemogelijkheden op lange afstanden voor de LPG-handelsstroom en onder vlootuitbreidingen. Terwijl de ammoniakmarkt vroeger goede handelsopportuniteiten bood voor Midsize, zorgden de lagere import in de VS, het beperkte aanbod vanuit het politiek instabiele gebied rond de Zwarte Zee en de dalende productprijzen voor veranderingen in de klassieke handelspatronen. Dit betekent dat de eerder verwachte groei van de tonmijl nog niet heeft plaatsgevonden.
In 2016 groeide de MGC-vloot met 18%. Nog eens 26 vaartuigen zijn besteld, goed voor 30% van de huidige vloot.
In de tweede helft van het jaar ging de Pressurized-vloot er eindelijk lichtjes op vooruit, zowel ten oosten als ten westen van het Suezkanaal, na een periode die gekenmerkt werd door een ruim aanbod van vaartuigen. De benuttingsgraad van de vloot ging er op vooruit, o.a. dankzij de uitbreiding van downstream LPG-platformen van handelaars en oliegiganten, die meer druktankers inzetten op kleinere markten. Daarnaast dreef de actieve petrochemische markt in het Verre Oosten ook de vraag op. Wegens het verwaarloosbare aantal orders voor de kleinste druktankers zien de vooruitzichten voor deze activiteit in het Verre Oosten er beter uit.
20 ACTIVITEITENVERSLAG
De door EXMAR beheerde BW TOKYO profi teerde van een rendabele tijdcharter, tot het langetermijncontract met Itochu afl iep in de zomer. Door de aanhoudende neerwaartse trend in het VLGC-segment zal het vaartuig voor de rest van het jaar worden ingezet voor terugkerende, kortlopende tijdcharters, zij het op een lager marktniveau, dat verband houdt met de Baltic Freight Index.
Sommige vaartuigen van EXMAR in het Midsize-segment maakten hun intrede op de spotmarkt bij de afl oop van termijncontracten en een bevrachtingscontract (CoA) in het vierde kwartaal. Het merendeel van de Midsize-vloot wordt echter nog altijd op lange termijn ingezet. De nieuwbouwschepen KNOKKE en KONTICH werden respectievelijk in maart en augustus opgeleverd aan Statoil. De KORTRIJK werd in december opgeleverd aan een andere blue-chip klant, Trafi gura. Deze drie schepen waren de laatste schepen van de Subic Bay-werf in de Filipijnen. Tankers ODIN en BRUGGE VENTURE verlieten de vloot van EXMAR, terwijl zowel voor de ANTWERPEN als de EUPEN nieuwe termijncontracten werden afgesloten met industriële spelers, respectievelijk op de LPG- en ammoniakmarkt.
De KALLO het eerste nieuwbouwschip van de reeks gebouwd bij Hanjin Heavy Industries & Construction (Subic Bay) werd in maart 2017 opgeleverd.
Tussen juli 2017 en februari 2018 zijn nog drie Midsize-nieuwbouwschepen van 38.000 m³ gepland bij Hanjin Heavy Industries & Construction (Subic Bay). Aangezien ze gebaseerd zijn op het nieuwe ontwerpprogramma voor vaartuigen, verwacht EXMAR tewerkstellingsmogelijkheden te kunnen creëren voor deze schepen. Dit programma, dat loopt sinds de levering van de WAASMUNSTER in mei 2014, heeft voor meer capaciteit, een betere algemene effi ciëntie en een lager verbruik gezorgd (zie het hoofdstuk over energie-effi ciëntie, pagina 44).
Voor 2017 en 2018 is al een benutting van respectievelijk 70% en 45% voorzien voor de Midsize-vloot van EXMAR.
In het vierde kwartaal nam EXMAR de participatie van Wah Kwong in de 10 Pressurized-schepen, die in 2016 nog werden ingezet door hun respectieve charterbedrijven en waarmee verlengingen werden overeengekomen, over. Gezien de eerder beloftevolle vooruitzichten, met inbegrip van een mogelijke marktconsolidatie, een verwaarloosbaar orderboekje en de waarschijnlijkheid dat oudere tonnage zal worden afgedankt, heeft EXMAR er alle vertrouwen in dat haar benuttingsgraad van 90% in 2017 nog zal verbeteren.
EXMAR heeft een van de modernste, meest concurrerende en zuinigste LPG-tankervloten van de sector "
De schepen van EXMAR varen al jarenlang door het Panamakanaal. Het aantal passages zal nog toenemen met de gloednieuwe uitbreiding, waardoor veel grotere schepen de 80 kilometer lange reis van het Agua Clara-sluizencomplex aan de Atlantische kust naar de Cocoli-sluizen aan de Stille Oceaan kunnen maken. Dankzij het Panamakanaal kunnen VLGC's een retourtrip voor de Amerikaanse LPG-export naar klanten in het Verre Oosten in 2 maanden maken, in plaats van in 3 maanden via Kaap de Goede Hoop.
Panamakanaal
De LNG-activiteiten van EXMAR draaien rond twee segmenten: LNG-transport en LNG-infrastructuur.
LNG-transport heeft betrekking op alle bedrijfsactiviteiten waarin EXMAR een belang heeft als reder en exploitant.
LNG-infrastructuur heeft betrekking op alle activiteiten waarbij aardgas wordt omgezet van één toestand (d.w.z. vloeibaar) in een andere (d.w.z. gasvormig) of vice versa. Deze bedrijfsmiddelen staan bekend als FSRU's (Floating Storage & Regasifi cation Units, drijvende opslag- en hervergassingseenheden) of FLNG's (Floating Liquefaction Units, drijvende vloeibaarmakingseenheden). FSRU's worden in LNG-invoerterminals gebruikt om LNG weer om te zetten in gas voor het lokale energienetwerk aan land. FLNG's zetten lokale aardgasreserves om in LNG, dat dan klaar is voor de export en verscheping.
De huidige EXMAR-vloot van zeeschepen en FSRU's wordt vooral gebruikt voor langlopende tijdcharters, met een beperkte OPEX-blootstelling. In 2017 zullen twee nieuwbouwplatformen van LNG-infrastructuur – één FLNG en één FSRU – aan de vloot worden toegevoegd en commercieel inzetbaar zijn.
Aangezien de meeste LNG-schepen en FSRU's van EXMAR langlopende contracten hebben en onder langlopende chartercontracten vielen in 2016, kreeg het bedrijf in de loop van het jaar slechts beperkt te maken met de malaise op de vrachtmarkten. Zowel in de Atlantische Oceaan als in de Stille Oceaan kwam het jaar traag op gang,als gevolg van projectvertragingen, lage prijzen voor ruwe olie en een overcapaciteit aan schepen. Medio 2016 bereikten de vrachttarieven een dieptepunt, waarna ze zich enigszins herstelden dankzij een plotse stijging van de prijzen in het Verre Oosten. Dat zorgde voor meer arbitragemogelijkheden en Europese wederuitvoer. De consensus op de markt is dat 2016 een overgangsjaar was. Er werden immers 27 nieuwe, grote LNG-tankers te water gelaten, terwijl de LNG-bevoorrading lager lag dan verwacht. Voor 2017 en daarna zijn de marktvooruitzichten echter optimistischer.
Enkele positieve tekenen wijzen erop dat 2017 en de daaropvolgende jaren beter zullen worden. Zo zullen de meeste nieuwbouwschepen overwegend worden ingezet voor specifi eke projecten. Door de verwachte stijging van de vloeibaarmakingsoutput van nieuwe projecten, vooral in Australië (bv. Gorgon, Wheatstone, Prelude, Ichthys), de Verenigde Staten (Cove Point, Cameron, Freeport) en Rusland (Yamal), zouden de vrachtinkomsten opnieuw positieve cijfers laten optekenen.
Slechts een paar LNG-nieuwbouwschepen zullen geen contract hebben.
In 2016 was de LNG-handelsstroom goed voor 259-260 miljoen ton. De handel over zee groeide met ca. 15 miljoen ton, wat bijna volledig te danken was aan Australische producttoevoegingen.
De enige actieve, conventionele LNG-tanker van EXMAR op de spotmarkt was de EXCEL, die voor het grootste deel van het jaar nog altijd genoot van het engagement voor een minimale opbrengstvergoeding vanwege een gereputeerde klant. Met zijn relatief kleine formaat van 138.000 m³ kan het gerenomeerde schip worden ingezet op nichemarkten, vooral in het Verre Oosten. Voor de EXCEL werd een termijncontract van drie maanden afgesloten aan de huidige markttarieven, welk contract tot het eind van het jaar zou verlengd kunnen worden. De enige andere conventionele LNG-tanker uit de vloot van EXMAR is de EXCALIBUR (138.000 m³). Die blijft tot maart 2022 onder een langlopende charterovereenkomst varen. De andere LNG-tankers van EXMAR hebben hervergassingscapaciteit aan boord en worden allemaal ingezet voor langlopende charters tot lang na 2020.
Men verwacht dat aardgas een steeds belangrijkere rol zal spelen in het wereldwijde energielandschap en de komende twee decennia zijn positie zal handhaven als de fossiele brandstof met de snelst groeiende vraag.
Als gevolg hiervan blijft de vraag naar LNG sterk groeien en verwacht men dat het volume verhandelde LNG tegen 2035 de pijplijnimport zal voorbijsteken als de belangrijkste aanvoerbron.
Om in deze verwachte vraag te voorzien, maken nieuwe kopers hun intrede op de LNG-markt. De meeste van deze spelers zijn van plan drijvende terminals te gebruiken; zo kunnen ze sneller actief worden op de markt dan zij die nieuwe terminals aan land willen ontwikkelen.
De komende jaren zal er echter een overaanbod blijven aan LNG. Tegen 2020 zal meer dan 70 miljoen ton LNG-productiecapaciteit operationeel worden over heel de wereld (liquefactiecapaciteit na de fi nale investeringsbeslissing, 2016-2021). Hierdoor zullen de LNG-prijzen onder druk blijven staan.
In februari 2016 bereikten de energieprijzen hun dieptepunt; naar het einde van het jaar toe stabiliseerden de olieprijzen zich rond 50 US dollar per vat. Als gevolg hiervan is de vraag-en aanboddynamiek op de LNG-markt verschoven van een verkopers- naar een kopersmarkt.
| 2012 | 2013 | 2014 | 2015 | 2016 | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| EXPORTEURS (MILJ. TON PER JAAR) | ||||||||
| Qatar | 77 | 77 | 76 | 78 | 77 | |||
| Australië | 21 | 22 | 23 | 29 | 44 | |||
| Maleisië | 23 | 25 | 25 | 25 | 24 | |||
| Nigeria | 20 | 16 | 18 | 20 | 17 | |||
| Indonesië | 19 | 18 | 17 | 18 | 19 | |||
| Trinidad | 15 | 14 | 14 | 12 | 11 | |||
| Algerije | 11 | 11 | 12 | 12 | 11 | |||
| Overige | 52 | 52 | 52 | 51 | 56 | |||
| TOTAAL | 238 | 235 | 239 | 245 | 259 |
Bron: Poten-dataportal Bron: Poten-dataportal
| 2012 | 2013 | 2014 | 2015 | 2016 | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| IMPORTEURS (MILJ. TON PER JAAR) | ||||||||
| Japan | 88 | 88 | 89 | 85 | 84 | |||
| Zuid-Korea | 36 | 40 | 37 | 33 | 33 | |||
| China | 15 | 18 | 20 | 20 | 26 | |||
| India | 14 | 13 | 14 | 14 | 17 | |||
| Taiwan | 13 | 13 | 14 | 15 | 15 | |||
| Verenigd Koninkrijk | 11 | 7 | 8 | 10 | 8 | |||
| Overige | 62 | 57 | 57 | 69 | 77 | |||
| TOTAAL | 238 | 235 | 239 | 245 | 260 |
Bron: International Gas Union, World LNG Report 2016
Wat het aanbod betreft, hebben de huidige prijzen ontwikkelaars ertoe aangezet om de ontwikkeling van enkele liquefactieprojecten, die nog niet in aanbouw zijn, uit te stellen.
Wat de vraag betreft, worden nieuwe projecten voor LNG-importterminals opgestart op verschillende locaties. De toenemende vraag naar energie in niet-OESO-landen heeft tot diverse LNG-to-Power-initiatieven geleid. Ook houden upstream LNG-producenten zich meer bezig met de ontwikkeling van downstreamprojecten voor klanten. Deze op maat gemaakte pakketten bieden een totaaloplossing voor de aanvoer van LNG, hervergassingsvoorzieningen en stroomproductie.
Momenteel wordt er wereldwijd aan bijna 25 verschillende FSRU-projecten gewerkt, die om snelle en competitieve hervergassings- en opslagoplossingen vragen. FSRU's voldoen prima aan deze vereisten en zijn duidelijk de technologie bij uitstek geworden in vergelijking met conventionele LNG-importterminals aan land.
Voor de FLNG in aanbouw van EXMAR was 2016 een turbulent jaar. In 2012 had EXMAR besloten om te investeren in de bouw van deze FLNG, met het oog op het gebruik hiervan door Pacifi c Exploration & Production. Wegens de grote instabiliteit op de olie- en gasmarkt in 2015 besloot Pacifi c om zijn Colombiaans LNG Export Project te annuleren en de eenheid elders in te zetten. Begin 2016, na de aanvraag en daaropvolgende herstructurering van onze klant overeenkomstig de Canadese CCAA-wetgeving, bleef geen andere mogelijkheid over dan ons gebruikscontract voor de FLNG te annuleren onder de best mogelijke voorwaarden.
Aangezien de bestemming nog niet gekend was, moest het testen van de eenheid worden herzien. Dit bleek een grote technologische mijlpaal voor het bedrijf. In september werd het schip getest op de werf, met behulp van een speciaal daarvoor gebouwde tijdelijke faciliteit om het nodige gas te voorzien. Tijdens een driedaagse prestatietest haalde de eenheid zonder problemen zijn nominale liquefactiefaciliteit van 0,5 miljoen ton LNG per jaar. Deze prestatie werd erkend als belangrijk door de sector en bewijst de technische haalbaarheid en het potentieel van de FLNG van EXMAR als alternatief voor de productie van LNG aan land. Deze uitgevoerde testen bieden toekomstige klanten ook de unieke garantie dat de eenheid zijn nominale prestaties zal halen.
Na de successvolle test werd de defi nitieve aanvaarding van de eenheid een feit op 31 januari 2017. Aanvullende ondersteuning is met de Wison werf overeengekomen voor de periode dat de eenheid op de werf zal worden opgelegd tot hij zal worden overgebracht naar de locatie van tewerkstelling. De oplevering zal plaatsvinden voor het einde van april 2017 en dan zal de laatste schijf (USD 200,5 miljoen) moeten worden betaald. In tussentijd werd de documentatie voor de fi nanciering van USD 200,0 miljoen voor CFLNG door Bank of China en een grote Europese bank met een looptijd van 12 jaar, gefi naliseerd, en ondertekening, op voorwaarde dat Sinosure zijn voorafgaande goedkeuring geeft, is voorzien in de loop van de maand mei. Discussies over de toekomstige tewerkstelling van de eenheid zijn gaande met diverse partijen en gaan vooruit; er worden echter geen inkomsten verwacht vóór het begin van 2018.
EXMAR verwacht geen groot aantal investeringsbeslissingen voor LNG-exportprojecten in 2017. De huidige olie- & gasprijzen hebben echter potentieel en maken prijszettingen en een rendement mogelijk die aan de verwachtingen van alle betrokken stakeholders voldoen. De geslaagde testen en de onmiddellijke beschikbaarheid van de FLNG van EXMAR hebben duidelijk de belangstelling gewekt van upstream LNG-producenten en -traders. Momenteel lopen er technische en economische haalbaarheidsstudies voor drie locaties. Het bouworder voor de tweede FLNG bij Wison Shipyard werd geannuleerd.
Downstream werden de bestaande FSRU's van EXMAR in 2016 ingezet als LNG-importterminal of voor de handel in LNG onder langlopende charterovereenkomsten met Excelerate Energy. Deze eenheden worden door Exmar Ship Management uitgebaat en onderhouden tot volledige tevredenheid van de klant.
De bouw van de FRSU draait weer op volle toeren, na enige achterstand opgelopen te hebben in 2015. De unit werd te water gelaten in januari 2017; de levering is gepland tegen medio 2017. Drie commerciële leads, mobilisatie en oplevering ter plaatse na de levering door de werf, worden zorgvuldig uitgewerkt. Financiering zal worden ontwikkeld in parallel met de onderhandelingen over de tewerkstelling. Meerdere fi nanciers hebben reeds interesse getoond.
De FSRU in aanbouw is perfect geplaatst om te voorzien in de huidige, snelle time-to-market vraag naar specifi eke LNG-importterminals in het kader van de lopende LNG-to-Power-contracten. Deze projecten vragen om infrastructuuroplossingen en confi guraties die fl exibel
Na alle zware inspanningen in verband met het ontwerp, de ontwikkeling en de bouw, en ruim vóór de defi nitieve oplevering bij de klant, omvat elk industrieel project ook de nodige testactiviteiten.
Dit is het testen van de eenheid onder bedrijfsomstandigheden, systeem per systeem, waarna men de volledige eenheid laat werken. Doel hiervan is actief naar gebreken te zoeken en de nominale prestaties van de eenheid te bewijzen.
Het lastigste onderdeel bij de CFLNG was het testen van een de liquefactie-eenheid op de Chinese Yangtze-rivier, waar geen gas te vinden is. Het antwoord hierop was een eenvoudige, technische oplossing die alleen de technische afdeling van EXMAR kon bedenken: we maken ons eigen gas aan boord, met in de handel verkrijgbaar LNG. Hiervoor werd een tijdelijke hervergassingseenheid aan dek gemaakt, met onderdelen van het in aanbouw zijnde FSRU-project. Na maanden van voorbereiding en investering en honderden techni- sche documenten was 's werelds enige drijvende machine met een gesloten kring voor de verdamping en vloeibaarmaking van aardgas inzetbaar. Op 14 juni 2016 ging de inbedrijfstelling volop van start. De operationele medewerkers moesten op de technische medewerkers vertrouwen en andersom. 200 vrachtwagens LNG en 105 dagen later werd de inbedrijfstelling afgerond op 26 september 2016 om 3.00 uur 's ochtends. Iedereen die er toen bij was in de overvolle controlekamer van de CFLNG zal dat moment nooit vergeten.
De inbedrijfstelling van de CFLNG was een succes.
Niemand raakte gewond. Het platform werkt naar behoren. De nominale capaciteit van de CFLNG werd nagerekend, gecontroleerd en bewezen. De kleppen, lagers en onderdelen werden aan een strenge controle onderworpen, gebreken werden opgespoord en genoteerd, om alles te verhelpen tegen de levering. Beter nu dan later.
blijven, zowel qua output als qua opslag. Een platform biedt zulke voordelen, aangezien de opslag kan worden afgestemd op de projectbehoeften door een bestaande LNG-tanker toe te voegen als drijvende opslageenheid (FSU). Deze tankers zijn momenteel beschikbaar op de markt in verschillende groottes en tegen lage chartertarieven.
In september 2016 knoopten EXMAR en VOPAK verkennende gesprekken aan over een mogelijke overname door VOPAK van EXMAR's deel in zijn drijvende gasopslag en –hervergassingsactiviteiten (FSRU's). Deze gesprekken mondden uit in het ondertekenen door EXMAR en VOPAK van een akkoord op 21 december 2016 voor de aankoop door VOPAK van de FSRU activiteiten van EXMAR en de samenwerking tussen EXMAR en VOPAK in toekomstige projecten. De implementering van de transactie was afhankelijk van de toestemming en medewerking van de verschillende stakeholders. Na zorgvuldig overleg kwamen EXMAR en VOPAK overeen dat niet voldaan zal worden aan de voorwaarden van de transactie. De FSRU-transactie tussen EXMAR en VOPAK zal daarom niet worden verdergezet.
Naast de in aanbouw zijnde FSRU heeft EXMAR twee nieuwbouwprojecten voor LNG-importinfrastructuur lopen, waarvoor de investeringsbeslissing in 2017 gepland is.
Voor de Swan Energy import terminal zijn de partijen overeengekomen om de samenwerkingte beperken tot hervergassing.
EXMAR Offshore bezit en leaset offshore activa en ontwikkelt drijvende oplossingen voor de productie-, boor- en accommodatiemarkt.
EXMAR Offshore Company (EOC), gevestigd in de VS, is een technisch bedrijf dat gespecialiseerd is in de ontwikkeling van drijvende productiesystemen en technische diensten voor zeeschepen, schepen en offshore eenheden.
De divisie EXMAR Offshore Oil & Gas Infrastructure Services (OGIS) exploiteert diverse offshore activa, zowel voor de EXMAR Groep als voor externe klanten.
30 BUSINESS ACTIVITIES
In de zomer van 2014 piekten de olieprijzen tot meer dan 100 USD per vat (West Texas Intermediate). Sindsdien daalde de olieprijs tot zijn laagste peil – minder dan 30 USD per vat in februari 2016 – en stabiliseerde hij zich pas op het einde van het jaar op meer dan 50 USD per vat. Als gevolg van deze sterke daling van de olieprijzen en afvlakking in het begin van het jaar kwamen de ontwikkelingen in diep water nagenoeg stil te liggen in 2016. Door de lage en schommelende prijs per vat werden de weinige projecten in de plannings- en ontwikkelingsfase uitgesteld, in afwachting van de projecteconomie.
Pas in de tweede helft van 2016 bleken oliemaatschappijen bereid om contractanten en leveranciers (opnieuw) in te schakelen om de eerste stappen te zetten voor nieuwe ontwikkelingen, met targets van 40 USD en in sommige gevallen zelfs minder dan 30 USD per vat. Afgezien van de FLNG's en FSRU's werden er geen drijvende productiefaciliteiten besteld tussen het eerste kwartaal van 2015 en het vierde kwartaal van 2016.
23 drijvende productie-eenheden en drijvende opslageenheden werden afgedankt, goed voor 6% van de beschikbare wereldvloot. Terwijl er sinds het eerste kwartaal van 2015 geen FPSO's waren besteld, werden er drie besteld naar het einde van 2016 toe – het bewijs van een positieve ommekeer op de markt. Dit staat niettemin in schril contrast met de 26 FPSO's die in 2010 werden besteld en de 11 FPSO's die in 2014 werden besteld.
Begin 2016 lanceerde EXMAR Offshore Company het OPTI®-micro™ ontwerpproject, dat ingaat tegen de markttrend van grotere vaartuigen. Er zijn honderden kleine reserves offshore. Hoewel veel kleine ontdekkingen slechts economisch haalbaar zijn dankzij "tie-backs" met de bestaande infrastructuur in de regio, blijven veel reservoirs onaangeboord. Onaangeboorde olievelden liggen ofwel te ver van de bestaande infrastructuur of kunnen de kosten van een op zichzelf staande productiefaciliteit niet dekken. OPTI®-micro™ wil hier iets aan doen door:
Elke marktdaling houdt een opportuniteit in voor die bedrijven die zich het snelst kunnen aanpassen aan verandering. In 2015 vestigde EXMAR zijn reputatie als effi ciënte ontwerper en projectuitvoerder met de DELTA HOUSE productiefaciliteit van LLOG Exploration. Hierbij werd gebruikgemaakt van het unieke OPTI®-rompontwerp van EXMAR en een bewezen uitvoeringsplan.
DELTA HOUSE was ongeveer 99% van de tijd in bedrijf – een prestatie van wereldklasse. DELTA HOUSE heeft momenteel 11 putten in productie, en de cumulatieve productie ligt boven de 50 miljoen vaten olie-equivalent (MMBOE). DELTA HOUSE heeft productiecijfers van meer dan 90.000 BOPD en 205 MMCFD gehaald, meer dan de nominale capaciteit van 80.000 BOPD en 200 MMCFD.
DELTA HOUSE was ongeveer 99% van de tijd in bedrijf – een prestatie van wereldklasse "
Terwijl de markt het moeilijk blijft hebben om de verwachte besparingen te realiseren die de grondslag vormen voor een nieuwe projecteconomie, maakt het bewezen ontwerp van de OPTI® FPS van EXMAR komaf met de grote onzekerheid bij de uitvoering van drij-
In 2016 werden er slechts negen velden ontdekt in de Golf van Mexico en werkten er slechts 22 diepwaterplatformen, tegenover zes ontdekkingen en 36 platformen begin 2015.
Eind 2015 had EXMAR zes projecten in de Golf van Mexico geïdentifi ceerd die geschikt zouden zijn voor OPTI® en had het ofwel studies uitgevoerd, ofwel voorstellen ingediend op basis van zijn ontwerp voor vier prospects. Eind 2016, terwijl de sector met nog grotere uitdagingen kampte, was EXMAR geprekwalifi ceerd en had het acht projecten lopen; voor drie daarvan zou de technische ontwikkeling in 2017 beginnen.
Om in de vraag van zijn klanten te voorzien heeft EOC zijn activiteiten in Houston uitgebreid met capaciteit op het vlak van topsides en procestechniek. De afdeling topsides van EOC werd snel geïntegreerd in de EXMAR Groep, om de bedrijfsontwikkelingsinspanningen van EXMAR te versterken en om drijvende productieprojecten effi ciënter en met meer autonomie van grote derdenengineeringbedrijven te kunnen uitvoeren. Het procesteam ondersteunt steeds meer het werk van zijn afdelingen LNG-infrastructuur en Offshore. Zo ontwikkelde de topsides-groep van EOC een HYSIS-model (Hyperspectral Instrument Simulator) voor de CARIBBEAN FLNG en was hij erbij toen het platform in bedrijf werd gesteld op de Wison-scheepswerf in China.
In 2016 presteerden de werk- en accommodatieplatformen van EXMAR goed en zoals gepland. NUNCE blijft onder een langetermijncontract met Sonangol in Angola opereren. Eind mei 2016 werd een participatie van 60% in WARIBOKO verkocht aan een Nigeriaanse partner, in het kader van een aankoopoptie. Dit accommodatieplatform blijft in gebruik tot eind 2017 en werkt momenteel zonder enige downtime voor Total in Nigeria. Eind 2016 werd KISSAMA opnieuw opgeleverd na een langetermijncontract in Angola. Het 22 jaar oude accommodatieplatform wordt verkocht. Terwijl ruim de helft van alle drijvende accommoda-EXMAR erin geslaagd om alle drie zijn accommodatieplatformen in te zetten in 2016, met slechts één enkele maand downtime voor één van zijn platformen. EXMAR blijft optimistisch wat de toekomst van "spread moored" accommodatieplatformen in West-Afrika betreft. Omdat veel onderhouds- en operationele projecten werden uitgesteld na de daling van de olieprijzen, zal de dienstensector op de ondiep-watermarkt zich waarschijnlijk snel herstellen, doordat oliebedrijven hun productie willen opdrijven na het herstel van de olieprijzen.
Voortbouwend op zijn rijke kennis van FPSO- en FPS-ontwerpen met o.a. FPSO FARWAH en de OPTI® FPS, naast de unieke knowhow van LNG-infrastructuur, heeft EXMAR zijn activiteiten op het vlak van drijvende productie-eenheden uitgebreid tot FPSO-projecten. Voor die Offshore-projecten waarbij een drijvende productie-oplossing wordt overwogen, zijn FPSO's de geprefereerde oplossing; tussen 2017 en 2021 worden wereldwijd 35-70 FPSO-projecten verwacht. Petrobras is de grootste gebruiker en eigenaar van FPSO's, goed voor 30% van alle FPSO's die de komende vijf jaar wereldwijd gepland zijn. EXMAR heeft vervolgens de prekwalifi catie aangevraagd en bekomen als eerste bieder voor Petrobras. Kort daarna vroeg Petrobas aan EXMAR om een voorstel in te dienen voor een groot FPSO-project dat in 2017 zal worden toegekend. Begin 2017 maakte EXMAR zich op om een defi nitief voorstel in te dienen voor een FPSO onder een 20-jarige leasing- en uitbatingsovereenkomst.
DV Offshore (DVO), dat zijn hoofdkantoor heeft in de buurt van Parijs (Frankrijk), is een onafhankelijk bureau van technische consultants die gespecialiseerd zijn in alle technische aspecten van marine technieken en operaties. Op 40 jaar tijd heeft DVO met succes meer dan 1.000 gespecialiseerde opdrachten uitgevoerd in 40 verschillende landen. Met zijn erkende knowhow inzake verankeringstechniek en -installaties trad DVO op als technisch consultant bij industriële maritieme projecten voor oliegiganten, havenautoriteiten, overheidsinstellingen en bedrijven die actief zijn in de olie- en gasindustrie. DVO heeft advies verstrekt voor en meegewerkt aan projecten rond Open Sea Terminals (Single Point Mooring, Conventional Buoy Mooring), haventerminals, offshore drijvende opslag, lijnvaart, maritieme activiteiten en onderwatertechniek, naast operaties. Na een moeilijk 2016 als gevolg van de lage olie- en gasprijzen onderhandelt DVO met verschillende partijen over langlopende projecten en is het optimistisch over een positieve afl oop in 2017. De laatste vijf jaar was DVO ook betrokken bij tal van maritieme projecten rond hernieuwbare energie, vooral airconditioning op basis van zeewater, getijdenturbines en windturbines (vaste & drijvende). Het verwacht dat de activiteiten in dit segment zullen toenemen.
ULTRAGROTE CONTAINER-SCHEPEN – AANMEERTOUW GELEVERD DOOR BEXCO
BEXCO is een in België gevestigde fabrikant die een ruime waaier van synthetische touwen ontwikkelt en produceert, om in de specifi eke aanmeer-, sleep- en zware hijsbehoeften van marine, offshore en energiebedrijven te voorzien. De touwen van BEXCO zijn typegekeurd door 's werelds toonaangevende classifi catiebureaus; zowel de productiefaciliteit in Hamme als de productiefaciliteit op de kade in Antwerpen (België) hebben een ISO9001:2015- en ISO14001:2015-certifi caat.
In 2016 consolideerde BEXCO zijn marktpositie in het marine aanmeersegment met de ondertekening van belangrijke contracten met eigenaars van ultragrote containerschepen (ULCV's). In het offshoresegment had BEXCO te lijden onder de beperkte activiteiten op het vlak van diepwaterverankering voor exploratieprojecten, als gevolg van de lage olieprijzen. BEXCO compenseerde dit door zijn marktaandeel voor synthetische touwen voor projecten rond zware offshore hijswerken, "single point mooring", buitenbedrijfstellingen en hernieuwbare energie te vergroten. Het bedrijf deed het goed, in vergelijking met zijn concurrenten, en sloot het jaar af met zwarte cijfers.
2017 belooft opnieuw een uitdagend jaar te worden voor het segment diepwaterverankering. Bestaande projecten kunnen weer worden opgestart of de fi nale investeringsbeslissing kan worden genomen voor nieuwe projecten, naarge-
In 2016 vergrootte BEXCO zijn marktaandeel voor synthetische touwen voor projecten rond zware offshore hijswerken, "single point mooring", buitenbedrijfstellingen en hernieuwbare energie. "
lang van het peil en de stabiliteit van de internationale olieprijzen. Door de overcapaciteit van vaartuigen in verschillende transportsegmenten zal het ook een moeilijk jaar worden voor de maritieme activiteiten. Het komende jaar zal BEXCO zijn positie in de segmenten maritiem aanmeren en slepen consolideren en doen groeien, terwijl het meer marktaandeel op het vlak van zware offshore hijswerken probeert te veroveren met zijn nieuwe synthetische strop. Het bedrijf zal ook zijn commerciële activiteiten in het segment hernieuwbare energie opdrijven; het werd namelijk gekozen tot leverancier van aanmeertouwen voor het eerste offshore windturbineproject van Frankrijk aan de Atlantische kust.
Exmar Ship Management (ESM) beheert schepen en drijvende maritieme infrastructuur voor zijn klanten EXMAR, Excelerate Energy, Teekay, ENI, OLT, Total en Avance Gas. In 2016 groeide dat aantal verder tot 46. Daarnaast werd CARIBBEAN FLNG, 's werelds eerste drijvende vloeibaarmakingsplatform, in bedrijf gesteld door de afdeling Oil & Gas Infrastructure Services (OGIS) (zie het hoofdstuk over LNG-infrastructuur, pagina 29).
Sinds mei 2014 ziet ESM met succes toe op de bouw, inbedrijfstelling en levering van 12 Midsize-nieuwbouwschepen voor de LPG-vloot van EXMAR, gespreid over een periode van 2,5 jaar. Respectievelijk in februari, juni en november van 2016 werden de 38.000 m3 grote LPG-tankers KNOKKE, KONTICH en KORTRIJK geleverd aan hun eigenaar. De vaartuigen werden op de HHIC-scheepswerf in Subic Bay (Filipijnen) gebouwd.
24.180.865 m3 LNG OVERGEBRACHT
In februari voerde ESM bij DUSUP Dubai een succesvolle hervergassingstest uit voor de FSRU EXPLORER. Met zijn recordproductie van 1.000 mmscfd is dit het grootste hervergassingsvaartuig in de sector. In augustus bereikte ESM een andere mijlpaal: zijn 1.000e LNG Shipto-Ship transfer (zie de infografi ek op pagina 36). Begin september voerde ESM 's werelds allereerste gelijktijdige LNG Ship-to-Ship transfer aan de boei uit, tijdens hervergassingsactiviteiten voor de kust van Hadera (Israël).
Het OGIS-team beheert ook drie accommodatieplatformen: NUNCE, KISSAMA en WARIBOKO. In 2016 opereerden de platformen respectievelijk voor de kust van Angola, Cabinda en Nigeria. WARIBOKO lag meer dan de helft van de tijd vlakbij aangemeerd, terwijl het via zijn hydraulisch-telescopische loopplank vastgemaakt was aan de vaste platformen van de klant. In de loop van het jaar werden verschillende verplaatsingen te velde uitgevoerd.
Voor een groot deel van het jaar werden via STS verschillende ladingen geleverd aan het door OGIS beheerde hervergassingsplatform FSRU TOSCANA, voor de kust van Livorno (Italië), om doorlopend te kunnen hervergassen.
In 2016 lanceerde ESM zijn opleidingsafdeling Exmar Academy, die door de overheden in de Benelux-landen wordt erkend voor haar IGF-cursussen. De Academy organiseert ISO-goedgekeurde STCW-
opleidingen voor haar eigen zeelieden, naast cursussen voor andere scheepseigenaars en operatoren in verband met externe MCRM's, gespecialiseerde tankers voor vloeibaar gas en LNG-bunkering.
ESM richtte ook SEAVIE, een nieuwe afdeling scheepsbeheer, op in de kantoren van EXMAR in Mumbai (India). Deze afdeling garandeert dezelfde kwalitatief hoogstaande technische en operationele effi ciëntie als ESM, voor scheepseigenaren die niet rechtstreeks betrokken zijn bij het transport van vloeibaar gas. SEAVIE sleepte onlangs een contract in de wacht voor het beheer van de cape-size bulktanker EL GRASSO, dankzij ALEX, de intern door ESM ontwikkelde software voor scheepsbeheer.
46 VAARTUIGEN GEREGISTREERD AANTAL HAVENBEZOEKEN DOOR VAARTUIGEN ONDER HET BEHEER VAN EXMAR SHIP MANAGEMENT TUSSEN 1 JANUARI EN 31 DECEMBER 2016 Bron: ESM DA desk
In 2016 voerde EXMAR 205 Ship-to-Ship transfers uit "
In 2017 en begin 2018 zal ESM toezien op de inbedrijfstelling en levering van de vier overige Midsize LPG-nieuwbouwschepen van EXMAR uit Subic Bay. Het bedrijf zal actief zoeken naar externe bedrijfsopportuniteiten om zijn beheersactiviteiten uit te breiden.
De LNG Business Unit zal de zeetankers van EXMAR en ENI/LNG Shipping blijven uitbaten. De afdeling zal ook nauw samenwerken om de activiteiten te optimaliseren van de vier FSRU's die EXMAR samen met Excelerate Energy (EE) bezit, naast de drijvende maritieme infrastructuur van EE en OLT, waaronder twee nieuwe LNG-importterminals in Bangladesh en Pakistan.
Het OGIS-team zal CARIBBEAN FLNG beheren en toezien op de inbedrijfstelling en levering van 's werelds allereerste FSRU-platform op de Wison-scheepswerf in Nantong (China).
Na drie jaar softwareontwikkeling op maat om de processen aan boord en aan land te optimaliseren en te synchroniseren zal ESM ALEX, zijn innovatieve oplossing voor realtime scheepsbeheer, lanceren voor de vloot van EXMAR.
Exmar Academy zal een joint venture aangaan met Bureau International Maritime (BIM) van AHLERS NV om het cursusaanbod verder uit te breiden. ESM zal nauw samenwerken met AHLERS, door de klanten voor scheepsbeheer en de activiteiten van deze laatsten te integreren in haar organisatie.
Travel PLUS is een servicegericht reisagentschap, gevestigd in Antwerpen (België), en het grootste onafhankelijke reisagentschap van het land.
Het bedrijf, dat gespecialiseerd is in zaken- en recreatiereizen, onderscheidt zich van zijn concurrenten doordat het de reisbehoeften en -mogelijkheden volledig overloopt met elke afzonderlijke klant om zo een passend reisplan op maat uit te werken.
Door oplossingen op maat uit te werken die in elke reisbehoefte voorzien, of het nu voor zaken of recreatie is, kan Travel PLUS kwaliteit garanderen. Een team van 24 reisexperts zorgt voor aanbiedingen van topkwaliteit, mede dankzij de educatieve reizen die ze hebben
gemaakt en waarbij ze een ruime ervaring opdeden in alle aspecten van de reissector.
Om zijn klanten nog beter van dienst te zijn, ontwikkelde en lanceerde Travel PLUS de "mobile shift", een nieuwe en uitgebreide reisapp die alle relevante informatie bundelt op één plek. In februari 2016 lanceerde het bedrijf ook travelplus.be, zijn vernieuwde website. Travel Plus heeft een gevarieerd klantenbestand, dat voor ongeveer 80% uit Belgische klanten bestaat.
In 2015 stegen de totale inkomsten van het bedrijf met 2%; ongeveer 70% van de activiteiten heeft met zakenreizen te maken, de overige 30% met recreatiereizen.
BELGIBO Insurance Group (BELGIBO NV) is een onafhankelijke, gespecialiseerde verzekeringsmakelaar en leverancier van risico- & claimdiensten met een uitzonderlijke knowhow op het vlak van scheepvaart-, luchtvaart-, industriële, transport-, krediet- en politieke risico's. BELGIBO beheert een gediversifi eerde portefeuille van nationale en internationale klanten. BELGIBO is gevestigd in Antwerpen en maakt deel uit van de top 10 van verzekeringsmakelaars in België.
In 2015 integreerde BELGIBO met succes FINSERVE Aviation Insurance, een in de luchtvaart gespecialiseerde verzekeringsmakelaar met een internationale portefeuille, ook gevestigd in Antwerpen. De fusie is volledig afgerond in het tweede kwartaal van 2016.
De geconsolideerde inkomsten van BELGIBO (waaronder FINSERVE) groeiden met 13%, terwijl de omzet in de sector met gemiddeld 1% groeide. In 2015 steeg de EBITDA van het bedrijf met 50%. De sterke groei was vooral te danken aan de afdelingen Marine en Industry. In 2016 streefde het bedrijf naar een verdere groei van de gespecialiseerde activiteiten, in combinatie met bijkomende investeringen in marketing en een nieuw computerprogramma.
BELGIBO BEDIENT
VAN DE BELGISCHE & NEDERLANDSE PRIVÉZAKENJETS
VAN DE IN BELGIE INGESCHREVEN HELIKOPTERS
VAN DE IN ANTWERPEN GEVESTIGDE TERMINALUITBATERS (NATIONS).
VAN DE IN BELGIE INGESCHREVEN COMMERCIELE BINNENVAARTSCHEPEN
BELGIBO telt momenteel drie grote bedrijfseenheden:
Er was een sterke groei op het vlak van marine & bouwaansprakelijkheidsverzekeringen, vooral voor terminals en logistiek, naast expediteurs. Nu ligt de focus op transportverzekeringen (handelsondernemingen / productiebedrijven).
Het bedrijf blijft zijn portefeuille van maritieme klanten uitbreiden met allerlei klanten, van platformeigenaars tot VLCC-tankuitbaters. Wat Aviation betreft, blijft de nadruk liggen op het bedrijfssegment privéjets en helikopters, met een groeiende portefeuille van drones, zweefvliegtuigen en kleine tot middelgrote lijnvliegtuigen.
Op het vlak van bedrijfsontwikkeling focust BELGIBO zich vooral op kleine/middelgrote vloten (zowel voor de scheepvaart als voor de luchtvaart); onlangs nog werden enkele successen geboekt.
CMC-BELGIBO zal zijn aanwezigheid als gespecialiseerde kredietverzekeringsmakelaar blijven uitbreiden. De synergie tussen CMC-BELGIBO en BELGIBO situeert zich vooral bij Special Risks. De brede klantenbasis blijft echter voor goede resultaten zorgen.
EXMAR, dat wereldwijd en in een steeds kwetsbaarder milieu actief is, beperkt zijn impact op dat milieu tot een minimum. Hoewel zeetransport de milieuvriendelijkste manier is om vracht te vervoeren, vermindert Exmar Ship Management (ESM) actief zijn uitstoot en energieverbruik door een combinatie van gecontroleerde beheersystemen en hightech middelen met uitgebreide en nauwkeurige gegevens. Deze middelen alleen volstaan echter niet, het hele team moet zich natuurlijk ook engageren.
Het gebruik van gestandaardiseerde milieubeheersystemen zoals ISO 14001 (certifi caat bekomen in 2011) en ISO 50001 (certifi caat bekomen in 2014) garandeert een systematische aanpak om de impact van onze activiteiten op het milieu te beperken. ESM heeft momenteel een aanvraag lopen voor het Green Award-certifi caat.
Volgens EXMAR zijn het onopzettelijke transport van invasieve waterdieren, de uitstoot van NOx, SOx en CO2 en de uitputting van natuurlijke hulpbronnen de belangrijkste gevolgen van vlootactiviteiten. Naast deze factoren houden we bij ons dagelijks werk ook rekening met de mogelijke impact van accidentele olievervuiling.
De bovenvermelde problemen worden op verschillende niveaus aangepakt. Op 7 augustus 2016 keurde de Internationale Maritieme Organisatie het Verdrag inzake Ballastwaterbeheer goed (invoegetreding op 8 augustus 2017), dat een uitbreiding van de eerdere verordening inzake ballastwaterbeheer was. De broeikasgassen en energie-effi ciëntie worden getoetst aan de huidige SEEMP- en EEDI-amendementen van IMO MARPOL Bijlage VI en zullen worden uitgewerkt volgens het verplichte systeem van de IMO voor de verzameling van gegevens over het brandstofverbruik van schepen en de specifi eke Europese MRV-verordening. De Europese MRV-verordening begint met de verplichting om de uitstoot te controleren vanaf 30 augustus 2017 en zal de komende jaren geleidelijk aan worden opgedreven met steeds strengere maatregelen. NOx en SOx vallen onder dezelfde MARPOL Bijlage; deze uitstoot moet respectievelijk worden beheerd met milieuvriendelijkere motoren en het gebruik van brandstoffen met een laag zwavelgehalte. Aan boord van verscheidene vaartuigen wordt een scrubber geïnstalleerd om de SOx-uitstoot te beperken.
ESM leeft deze verordeningen na dankzij een speciaal HSEEQ-team, bestaande uit medewerkers die gespecialiseerd zijn in milieu- en energiekwesties. Ze nemen ook actief deel aan sectorgroepen zoals het milieucomité van Intertanko, aan het technisch comité van de Belgische Vereniging van Scheepseigenaars en aan internationale fora.
ESM gaat echter verder dan de wetgeving. De aanpassing van de ISO 50001- en ISO 14001-systemen maakt het mogelijk om milieuproblemen in een gesloten kring aan te pakken, in combinatie met de andere vereisten en systemen voor bedrijfsbeheer. Dit omvat targets en doelstellingen, opleidingen, noodmaatregelen en de opvolging van niet-conformiteiten en incidenten. Inhoudelijk draait het systeem rondt:
Het gebruik van gestandaardiseerde milieubeheersystemen zoals ISO 14001 en ISO 50001 garandeert een systematische aanpak om de impact van onze activiteiten op het milieu tot een minimum te beperken. "
De vaartuigen van onze vloot gebruiken zeewater om water te produceren aan boord. Dit komt weer in zee terecht als grijs water of afvalwater, dat wordt gezuiverd overeenkomstig alle lokale en internationale regels. Hoewel de waterproductie aan boord inderdaad energie verbruikt, kan ze toch als een gesloten kring worden beschouwd, die geen gevolgen heeft voor de natuurlijke waterbronnen. Dit garanderen we door een regelmatige bemonstering en analyse.
Ruimwater wordt enkel geloosd als het aan de lokale en internationale normen voldoet. Lozingen worden voortdurend gecontroleerd en de goede werking van alle apparatuur wordt beheerd op basis van een goedgekeurd programma voor gepland onderhoud, opleidingen en inspecties door interne en externe partijen.
Ballastwaterbeheer heeft momenteel te kampen met regelgevende uitdagingen. Op 8 mei 2017 wordt de IMO-wetgeving van kracht; verder zal er een programma worden opgestart voor het lozen van niet-verontreinigd water. De typegoedkeuringen voor systemen voor ballastwaterbeheer volgens de Amerikaanse normen zijn echter nu pas beschikbaar, wat aanzienlijke gevolgen had voor het selectieproces. Dit is nu een topprioriteit.
Exmar Ship Management speelde een belangrijke rol bij de ontwikkeling van het meetplan volgens de MRV-verordening voor de Belgische Vereniging van Scheepseigenaars en de Internationale Koopvaardijkamer. Sinds 2015 ontwikkelde ESM een intern meetplan dat verder wordt uitgewerkt op basis van de Six Sigma-methode.
Alle apparatuur aan boord wordt ontworpen en onderhouden volgens een goedgekeurd programma voor gepland onderhoud en wordt gebruikt in het kader van maatregelen inzake energie-effi ciëntie, om het gebruik hiervan te optimaliseren naargelang de activiteiten van de vaartuigen.
EXMAR maakt er een punt van om verder te gaan dan de wetgeving en normen, door actief deel te nemen aan sectoriële fora zoals de Think Tank on Decarbonisation of Shipping.
In mei 2014 werd de WAASMUNSTER, het eerste midsize LPG-nieuwbouwschip met een capaciteit van 38.000 m³, in gebruik genomen. Sindsdien heeft de technische afdeling van EXMAR het brandstofverbruik van zijn nieuwe midsize vloot nauwlettend in het oog gehouden. Met de 9 van de 12 midsize LPG-nieuwbouwschepen die ondertussen al geleverd zijn, wisten de bemanningen aan boord en de collega's aan land het bunkerverbruik al gevoelig te verbeteren, ten voordele van de charterbedrijven.
De kaart toont een theoretische Trans-Atlantische oversteek in een rechte lijn, van Antwerpen naar de haven Point Lisas in Trinidad, door twee midsize LPG-schepen:
Zelfde weersomstandigheden.
Zelfde hoeveelheid LPG-vracht.
DB/Diesel Draagvermogen (DWT) 30.300 Vermogen (KW) 10.517
2014 DH/Diesel Draagvermogen (DWT) 28.518 Vermogen (KW) 8.360 38.000 m3
Toen ik in 1981 afstudeerde als scheepsarchitect, deed ik mijn eerste ervaring in de scheepsbouw op bij een van de kleinere scheepswerven van België langs de Schelde, waar amper 200 mensen werkten. Nadat ik kort in een fabriek had gewerkt in mijn geboortedorp aan de Belgische kust, kreeg ik weer zin om schepen te bouwen. Dat bracht me naar de Boelwerf, waar EXMAR zijn roots heeft en waar de eerste gastankers van EXMAR werden gebouwd. Daarna ging ik voor scheepseigenaars zoals Cobelfret en Ahlers werken, waar ik instond voor het technische beheer. In 2008 werd ik Algemeen en Technisch Directeur van de afdeling Shipmanagment van Euronav in Antwerpen. Tussendoor werkte ik ook negen jaar lang bij de classifi catiebureaus DNV en Lloyds Register. Toen Leo Cappoen van EXMAR me vroeg om terug te keren uit pensioen en zes maanden lang aan een project rond snelheid en brandstofverbruik te werken, was ik dan ook klaar voor een korte functie. Nu, vijf jaar later, houd ik me bezig met het verbeteren van de energie-effi ciëntie van de vloot van EXMAR en werk ik samen met voormalige scheepsoffi cieren en andere architecten aan opwindende toekomstige projecten die ook voor grote veranderingen zullen zorgen op het vlak van aandrijving en hoe gas wordt gebruikt als brandstof. Mijn pensioen mag nog even wachten.
Door de toenemende globalisering en internationalisering van de activiteiten van EXMAR is het bedrijf op korte tijd veranderd om getalenteerde mensen uit heel de wereld aan te trekken, te ontwikkelen en te behouden.
De cijfers spreken voor zich. De volgende statistieken over het personeel van EXMAR in dit jaarverslag geven een idee van hoe sterk het bedrijf de voorbije jaren veranderd is:
• In 2016 had Exmar Ship Management in totaal 24 nationaliteiten in dienst aan boord van schepen en offshore maritieme infrastructuur. ESM heeft een van de laagste verlooppercentages voor senior en junior kaderleden uit de sector.
Via jaarlijkse zeeliedenconferenties in Antwerpen, Mumbai, Manilla, Split, Odessa en Buenos Aires wordt regelmatig contact onderhouden tussen het personeel aan wal en op zee, met de nieuwste technische en bedrijfsupdates. Zeelieden kunnen gespecialiseerde technische opleidingen volgen bij fabrikanten van originele apparatuur en ze worden intern opgeleid om aan de recentste STCW-normen voor 2010 te voldoen.
����� Om talent aan wal verder te stimuleren en ontwikkelen sponsort EXMAR regelmatig academische opleidingen voor zijn personeel, waaronder Masters in Engineering, Business Administration en Information Management. Senior medewerkers van EXMAR geven regelmatig lezingen in zeevaartacademieën, universiteiten en andere onderwijsinstellingen. Jonge ingenieurs en kadetten dienen aan boord van schepen van EXMAR of lopen stage in de kantoren van EXMAR over heel de wereld. Exmar Ship Management is langlopende partnerschappen aangegaan met de Mapua School en het PHILCAMSAT opleidingscentrum in de Filipijnen, alsook het Caribbean Maritime Institute in Kingston (Jamaica), en werft regelmatig nieuw talent van deze instellingen aan voor zijn groeiende vloot.
Junior Officers & Ratings opgeleid SAFETY MINDSET CURSUS
Senior Officers opgeleid SAFETY LEADERSHIP CURSUS
TAKING THE SAFETY LEAD 2016
INDIË
Antwerpen Mechelen Buenos Aires Mumbai Odessa Split Subic Bay
Ik mag me gelukkig prijzen met mijn 19-jarige loopbaan bij EXMAR. Ik heb veel ongewone dingen mogen doen en met opmerkelijke mensen mogen werken. En ik heb vooral de vrijheid gekregen om mijn werk zelf te regelen.
Leo Cappoen, een van de grootste meneren die ik ooit heb ontmoet, nam me in dienst bij de technische afdeling van EXMAR. Ik moest Leo onze prille offshoreactiviteiten helpen uitwerken.
Dit bleek een goede zet: de FPSO-markt kende toen een snelle groei. EXMAR haalde een FPSO-nieuwbouwcontract binnen voor Total in Libië. De algemene projectcoördinatie werd aan mij toevertrouwd, met inbegrip van de contacten met onze Libische klanten en de oprichting van het O&M-fi liaal in Tripoli. Dat kon allesbehalve saai of routineus zijn.
Daardoor was ik natuurlijk vooral met operationele zaken bezig. Samen met het kleine team van Franship Offshore stonden we in voor onze olieterminalactiviteiten in West-Afrika. Zonnige dagen en tal van kilometers onder een Afrikaanse hemel.
In mei 2014 werd me gevraagd om de coördinatie van het CFLNG-project over te nemen. Het was me een waar genoegen om samen te werken met het sterkste expeditieteam dat EXMAR ooit had samengebracht. Maar het was ook een les in nederigheid. Voor de eerste keer in mijn carrière kreeg ik te maken met een technologie die ik niet volledig beheerste. Dat gold ook voor zelfs de meest ervaren bouwers,
Je moet het geluk vinden in je werk – anders loont het niet moeite.
wat mijn taak er niet gemakkelijker op maakte.
Iedereen uit mijn team was onderlegd in een discipline die ik amper begreep. Hierdoor moest ik zonder enig voorbehoud vertrouwen op mijn
team, zoals je een vliegtuigpiloot vertrouwt of de mechanicien die aan je remmen werkt. Maar ze stelden nooit teleur. Dit was een van de rijkste ervaringen uit mijn professionele leven.
Binnenkort zal CFLNG klaar zijn om te worden ingezet. Hij zal de klus klaren. Dat is niet mijn verdienste. Hij heeft me wel een beter inzicht gegeven in de menselijke natuur en wat een team kan verwezenlijken. Ik had het geluk dat ik op de juiste plaats op het juiste moment was. Ik heb veel gegeven, maar nog veel meer teruggekregen.
Je moet het geluk vinden in je werk – anders loont het niet moeite.
Arne (rechts) ontvangt zijn door Lloyds Maritime Academy gesponsorde prijs voor de beste student op afstand, uitgereikt door WMU-voorzitster Cleopatra Doumbia-Henry (links) en IMO-secretaris-generaal Kitack Kim (midden).
Met de steun van EXMAR besloot ik vorig jaar om weer te gaan studeren. Ik schreef me in voor een postgraduaatsopleiding Maritime Energy Management van één jaar aan de World Maritime University (WMU). De WMU is een zeevaartuniversiteit voor postgraduaatsopleidingen, opgericht door de Internationale Maritieme Organisatie, die ook cursussen op afstand aanbiedt. Als lid van het Energy Effi ciency Team van Exmar Ship Management kon ik onderzoek doen naar de nieuwste ontwikkelingen op het vlak van energie-effi ciëntie en deze studies combineren met mijn baan als Superintendent.
Een groot deel van de opleiding ging over technische en operationele oplossingen om de effi ciëntie aan boord te optimaliseren, door een goed evenwicht te vinden bij het in de praktijk brengen van wetgeving. Een voorbeeld hiervan is het invoeren en onderhouden van het ISO 50001-energiebeheersysteem. Aangezien EXMAR deze ISO-norm had ingevoerd, focuste ik me op bedrijfsspecifi eke toepassingen en hoe we deze normen voortdurend kunnen verankeren in en uitbreiden tot onze cultuur.
Energie-effi ciëntie wint niet alleen aan belang op wetgevend vlak, maar ook op commercieel vlak. Steeds meer klanten en organisaties willen enkel partnerschappen aangaan met scheepseigenaars die hun milieu-initiatieven kunnen vertalen in effi ciënte activiteiten. Als we energie-effi ciëntie en duurzaamheid kunnen verankeren in onze aanpak, net zoals we dat voor onze veiligheidscultuur doen, zullen we een koploper blijven.
In oktober 2016 vertrok Derde Offi cier Ruben Donné uit Nieuwpoort (België) voor een solo-oversteek van de Atlantische Oceaan in een 6,5 meter lang zeiljacht. Hiermee verwezenlijkte hij zowel een kinderdroom als een recente ambitie: mensen sensibiliseren en geld inzamelen voor de strijd tegen Multiple Sclerose (MS). Op 3 januari 2017, na 90 dagen varen en twee Trans-Atlantische oversteken vanuit Antwerpen via Salvador in Brazilië, zette Ruben Donné triomfantelijk voet aan wal in Kaapstad – het eindpunt van zijn Sailing for MS Challenge. Onderweg had hij MS op de kaart gezet door 55.000 euro in te zamelen waarmee de Universiteit van Hasselt onderzoek kan doen naar een geneesmiddel voor deze ziekte.
"Vijf jaar geleden werd MS vastgesteld bij mijn vader. Door deze verlammende ziekte, die wordt veroorzaakt door een verstoring van het centrale zenuwstelsel, verliest men geleidelijk aan de controle over zijn lichaam. Wanneer je dit van dichtbij meemaakt, besef je hoe kostbaar en kwetsbaar een goede gezondheid is. Aangezien de precieze oorzaak van MS nog altijd onbekend is, is de ziekte momenteel niet te genezen. Met deze uitdaging wou ik geld inzamelen, zodat artsen een geneesmiddel kunnen vinden.
Tijdens mijn studies aan de Antwerpse Hogere Zeevaartschool liep ik stage bij de LPG-vloot van EXMAR. In 2012 ging ik aan de slag bij het bedrijf. Vandaag maak ik deel uit van de LNG-bemanning van Exmar Ship Management. Enkele contracten geleden realiseerde ik me dat ik mijn droom om de oceaan over te steken kon combineren met mijn wens om iets voor MS-patiënten te doen. Ik nam contact op met de Vlaamse MS-liga en het MS-netwerk in mijn provincie Limburg. Ze waren enthousiast, alles kon doorgaan.
Exmar Ship Management, een van mijn hoofdsponsors, hielp me bij de lange voorbereidingen voor mijn reis, terwijl BELGIBO mijn jacht verzekerde. Dankzij EXMAR Yachting kon ik een toespraak houden op het BE Yachting-evenement, om geld in te zamelen. Travel PLUS sponsorde mijn terugkeer naar België. Gelukkig kon ik ook rekenen op de steun van mijn collega's aan wal, in het geval van een panne of indien ik onderweg dringend reserve-onderdelen zou nodig hebben. ESM stelde zijn ondersteuningsnetwerk in Afrika en Zuid-Amerika ter beschikking. Ik stuurde elke dag mijn positie door naar de operationele afdeling van EXMAR, die me heel de reis volgde. EXMAR was een van de eerste contactpunten bij noodgevallen. Door de vele schepen die EXMAR in gebruik heeft in de Atlantische Oceaan wist ik dat mijn collega's aan wal en op zee op me pasten."
EXMAR en haar fi lialen steunen al jarenlang culturele en liefdadigheidsorganisaties. Door fi nanciële bijstand te verlenen aan dergelijke projecten steunt EXMAR personen en organisaties die mensen in nood actief helpen, naast sport- en cultuurprogramma's.
EXMAR steunt BEDNET, een Belgische liefdadigheidsorganisatie die bedlegerige kinderen en jongvolwassenen helpt om onderwijs op afstand te volgen (www.bednet.be). EXMAR steunt ook PINOCCHIO, een Belgische liefdadigheidsorganisatie die kinderen met ernstige brandwonden helpt.
Het zeevarende personeel van Exmar Ship Management bezoekt lagere scholen overal ter wereld om kinderen iets bij te brengen over schepen, scheepsbouw, het leven op zee en de vrachtvaart. De kinderen krijgen de kans om tekeningen over zeevaart te maken die aan boord van de schepen van EXMAR en van andere schepen onder beheer van Exmar Ship Management worden uitgehangen.
EXMAR sponsort de Belgische hockeyclubs Gantoise en Meetjesland. Het heeft ook al verscheidene sportevenementen gesponsord, zoals de Schelde Regatta, de Antwerp Tall Ships Race en Jumping Antwerpen (een paardensportevenement). EXMAR sponsort het Belgisch Nationaal Scheepvaartmuseum en is de jaarlijkse sponsor van de Argonaut galaavond van de Antwerpse Hogere Zeevaartschool.
In oktober 2016 besloot Ruben Donné, een van de zeevaarders van Exmar Ship Management, om in zijn eentje een dubbele oversteek te maken van de Atlantische Oceaan, om mensen te sensibiliseren en geld in te zamelen voor het onderzoek naar Multiple Sclerose (MS). 90 dagen later slaagde hij in zijn opzet, met de steun van diverse bedrijven van EXMAR.
| CORPORATE GOVERNANCE VERKLARING | 53 | ||
|---|---|---|---|
| JAARVERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR | 68 | ||
| GECONSOLIDEERDE JAARREKENING | 75 | ||
| Geconsolideerde balans | 75 | ||
| Geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten en van de niet-gerealiseerde resultaten | 76 | ||
| Geconsolideerd kasstroomoverzicht | 77 | ||
| Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen | 78 | ||
| Toelichting | |||
| 1. | Waarderingsregels | 80 | |
| 2. | Segmentrapportering | 92 | |
| 3. | Reconciliatie segmentrapportering | 96 98 |
|
| 4. 5. |
Bedrijfsopbrengsten Overige bedrijfskosten |
98 | |
| 6. | Personeelskosten | 99 | |
| 7. | Financiële opbrengsten / kosten | 99 | |
| 8. | Winstbelastingen | 100 | |
| 9. | Verwerving van een dochteronderneming | 101 | |
| 10. | Verkoop van een dochteronderneming | 102 | |
| 11. | Schepen | 103 | |
| 12. | Andere materiële vaste activa | 104 | |
| 13. | Immateriële activa | 105 | |
| 14. | Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 106 | |
| 15. | Financiële informatie geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 107 | |
| 16. | Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 112 | |
| 17. | Voor verkoop beschikbare beleggingen | 113 | |
| 18. | Handels- en overige vorderingen | 113 | |
| 19. 20. |
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen Geblokkeerde kasequivalenten en kas en kasequivalenten |
114 114 |
|
| 21. | Kapitaal en reserves | 115 | |
| 22. | Winst per aandeel | 116 | |
| 23. | Rentedragende leningen | 117 | |
| 24. | Aandelenopties | 120 | |
| 25. | Pensioenvoordelen | 121 | |
| 26. | Voorzieningen | 123 | |
| 27. | Handels- en overige schulden | 123 | |
| 28. | Financiële risico's en fi nanciële instrumenten | 123 | |
| 29. | Operationele leasingovereenkomsten | 129 | |
| 30. | Investeringsverplichtingen | 130 | |
| 31. | Voorwaardelijke verplichtingen | 130 | |
| 32. | Verbonden partijen | 131 | |
| 33. | Groepsentiteiten | 133 | |
| 34. | Gehanteerde wisselkoersen | 135 | |
| 35. | Vergoeding aan de commissaris | 135 135 |
|
| 36. 37. |
Gebeurtenissen na balansdatum Overige |
135 | |
| Verklaring met betrekking tot het getrouw beeld | 135 | ||
| Verslag van de commissaris | 136 | ||
Deze Corporate Governance Verklaring valt onder de bepalingen van de Belgische Corporate Governance Code van 2009. De Code van 2009 werd door het koninklijk besluit van 6 juni 2010 erkend als enige van toepassing zijnde Code. Deze Code werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 23 april 2010 (www.staatsblad.be), evenals op de website www.corporategovernancecommittee.be.
EXMAR heeft de Belgische Corporate Governance Code van 2009 ("Code 2009") als referentiecode aangenomen.
EXMAR streeft ernaar de hoogste normen van deugdelijk bestuur te hanteren.
EXMAR belooft zich te houden aan de negen principes van de Belgische Corporate Governance Code, op 12 maart 2009 gepubliceerd door de Commissie Corporate Governance:
Het Corporate Governance Charter en de Corporate Governance Verklaring van EXMAR kunnen geconsulteerd worden op de website http://exmar.be/en/investors/corporate-governance.
EXMAR's Corporate Governance Charter werd door de Raad goedgekeurd op 31 maart 2010 en geactualiseerd en goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 2 september 2016. Dit Charter is ook van toepassing op alle verbonden ondernemingen van EXMAR. Het Corporate Governance Charter bevat een samenvatting van de regels en principes waarrond het Corporate Governance beleid van EXMAR georganiseerd is en is gebaseerd op de bepalingen van de statuten van EXMAR, het Belgische Wetboek van Vennootschappen en de meest recente versie van de Belgische Corporate Governance Code. De Belgische Corporate Governance Code is gebaseerd op het principe "pas toe of leg uit".
De Vennootschap streeft ernaar om de meeste bepalingen van de Belgische Corporate Governance Code na te leven, maar de Raad is van mening dat sommige afwijkingen van bepalingen gerechtvaardigd kunnen zijn in de specifi eke context van de Vennootschap. Indien van toepassing, wordt in de Corporate Governance Verklaring uitleg verstrekt over de afwijkingen tijdens het afgelopen boekjaar op bepaalde bepalingen van de Code in overeenstemming met het principe "pas toe of leg uit".
Het Corporate Governance Charter beschrijft het profi el, de aandelen en de aandeelhouders van de Vennootschap, evenals de principes die toegepast worden met betrekking tot aandeelhoudersvergaderingen. De functies en verantwoordelijkheden van de verschillende organen binnen de Vennootschap worden beschreven:
Deze Corporate Governance Verklaring beschrijft de door EXMAR getroffen maatregelen voor de naleving van de wet- en regelgeving inzake handel met voorkennis, corruptie, witwaspraktijken, concurrentie, sancties en dergelijke meer.
De Vennootschap werd opgericht bij notariële akte op 20 juni 2003, verschenen in de bijlage bij het Belgisch Staatsblad van 30 juni 2003 onder nummer 03072972 en van 4 juli 2003 onder nummer 03076338.
De statuten werden meermaals gewijzigd en voor het laatst blijkens akte verleden voor notaris Benoit De Cleene te Antwerpen, als vervanger van zijn collega notaris Patrick Van Ooteghem te Temse, op 19 mei 2015, gepubliceerd in de bijlage bij het Belgisch Staatsblad van 11 juni 2015, onder nummer 15082595.
De Gerlachekaai 20, 2000 Antwerpen, België.
BTW BE0860.409.202. RPR Antwerpen.
Het geplaatste kapitaal bedraagt USD 88.811.667, is volledig volgestort en wordt vertegenwoordigd door 59.500.000 aandelen zonder vermelding van nominale waarde. Voor de toepassing van de bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen is de referentiewaarde van het kapitaal vastgesteld op EUR 72.777.924,85.
In de loop van 2016 vonden geen kapitaalswijzigingen plaats.
Overeenkomstig het Belgisch Wetboek van Vennootschappen kan de Raad van Bestuur van de aandeelhouders de bevoegdheid krijgen om, in een periode van vijf jaar, het kapitaal te verhogen tot een welbepaald bedrag en binnen bepaalde grenzen.
Bij beslissing van de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders gehouden op 15 mei 2012, werd aan de Raad van Bestuur de bevoegdheid verleend om, binnen de termijn van vijf jaar te rekenen van de datum van de bekendmaking van het besluit, in één of meerdere malen, op de wijze en tegen de voorwaarden die de Raad van Bestuur zal bepalen, het kapitaal te verhogen met een maximumbedrag van USD 12.000.000, de referentiewaarde voor toepassing van de bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen is EUR 7.703.665,66. Het bijzonder verslag van de Raad van Bestuur werd opgesteld conform de bepalingen van artikel 604 van het Wetboek van Vennootschappen.
De Raad van Bestuur zal aan de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 16 mei 2017 voorstellen om de toestemming te vernieuwen voor de kapitaalverhoging van de Vennootschap binnen het kader van het toegestane kapitaal.
De jaarlijkse Algemene Vergadering vindt plaats op de derde dinsdag van de maand mei om 14.30 uur.
De regels voor bijeenroeping, deelname, het verloop van de vergadering, de uitoefening van het stemrecht, wijzigingen van de statuten, benoemingen van de leden van de Raad van Bestuur en zijn comités zijn opgenomen in de gecoördineerde statuten en het Corporate Governance Charter van de Vennootschap, beiden beschikbaar op de website van de Vennootschap onder "Investor Relations". http:// exmar.be/en/investors/reports-and-downloads/articles-association
Op 20 mei 2014 heeft de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders de Raad van Bestuur van EXMAR gemachtigd om eigen aandelen in te kopen binnen welbepaalde koersvorken en dit gedurende een periode van vijf jaar.
Het aantal eigen aandelen in portefeuille bedroeg per 31 december 2016 4,49%, hetzij 2.677.433 aandelen.
Het EXMAR-aandeel is genoteerd op Euronext Brussels en maakt deel uit van de Bel Mid index. (Euronext: EXM).
In de loop van 2016 en tot aan de datum van dit verslag ontving EXMAR NV geen kennisgevingen in het kader van de transparantiewet van 2 mei 2007.
De laatste kennisgevingen die door de Vennootschap ontvangen werden en aan de FSMA gemeld werden, zijn de volgende:
Overeenkomstig artikel 74§6 van de wet op de openbare overnamebiedingen van 1 april 2007 heeft Saverex NV op 15 oktober 2007 (geactualiseerd op 25 augustus 2016) aan de FSMA gemeld dat zij meer dan 30% van de effecten met stemrecht bezit in EXMAR NV, een genoteerde vennootschap.
De wettelijke informatie werd bekendgemaakt op de website (www.exmar.be).
De Vennootschap heeft geen kennis van afspraken gemaakt tussen aandeelhouders.
Er zijn geen statutaire beperkingen voor de overdracht van aandelen.
Functies en ambtstermijnen van de leden van de Raad van Bestuur, zijn comités en het Directiecomité.
| RAAD VAN BESTUUR | Begin mandaat | Laatste hernieuwing |
Einde mandaat |
|---|---|---|---|
| NAAM – FUNCTIE | |||
| Baron Philippe BODSON • Voorzitter van de Raad van Bestuur • Niet-uitvoerend bestuurder • Lid van het Auditcomité • Voorzitter van het Benoemings- en Remuneratiecomité |
20 juni 2003 | 19 mei 2015 | 2018 |
| Nicolas SAVERYS • Uitvoerend bestuurder • Chief Executive Offi cer (CEO |
20 juni 2003 | 19 mei 2015 | 2018 |
| Patrick DE BRABANDERE • Uitvoerend bestuurder • Chief Operating Offi cer (COO) |
20 juni 2003 | 19 mei 2015 | 2018 |
| Howard GUTMAN • Onafhankelijk bestuurder zoals bedoeld in artikel 526ter van het Wetboek van Vennootschappen |
20 mei 2014 | 2017 | |
| Jens ISMAR • Onafhankelijk bestuurder zoals bedoeld in artikel 526ter van het Wetboek van Vennootschappen • Lid van het Auditcomité • Lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité |
18 mei 2010 | 17 mei 2016 | 2019 |
| Michel DELBAERE • Onafhankelijk bestuurder zoals bedoeld in artikel 526ter van het Wetboek van Vennootschappen • Lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité |
17 mei 2016 | 2019 | |
| Ludwig CRIEL • Niet-uitvoerend bestuurder • Voorzitter van het Auditcomité |
20 juni 2003 | 20 mei 2014 | 2017 |
| Baron Philippe VLERICK • Niet-uitvoerend bestuurder • Lid van het Auditcomité |
20 juni 2003 | 20 mei 2014 | 2017 |
| Ariane SAVERYS • Niet-uitvoerend bestuurder |
15 mei 2012 | 19 mei 2015 | 2018 |
| Pauline SAVERYS • Niet-uitvoerend bestuurder |
15 mei 2012 | 19 mei 2015 | 2018 |
| Barbara SAVERYS • Niet-uitvoerend bestuurder |
19 mei 2015 | 2018 |
• Chief Financial Offi cer (CFO)
• Managing Director Shipping
• Managing Director LNG Infrastructure
David LIM
• Managing Director Exmar Offshore
• CEO van Exmar Shipmanagement
De Raad van Bestuur is het ultieme besluitvormende orgaan van de Vennootschap. De bevoegdheden en de werking van de Raad van Bestuur worden in extenso beschreven in het Corporate Governance Charter. De Raad heeft alle bevoegdheden met uitzondering van deze die door het Wetboek van Vennootschappen of de gecoördineerde statuten voorbehouden zijn aan de Algemene Aandeelhoudersvergadering.
De Raad van Bestuur is samengesteld uit leden met uiteenlopende professionele achtergronden die een breed spectrum aan ervaring vertegenwoordigen; hij bestaat uit een voldoende aantal bestuurders om een goede werking toe te laten, rekening houdend met de specifi citeit van de Vennootschap.
De Raad van Bestuur streeft het succes van de Vennootschap op lange termijn na, voorziet hiervoor in het nodige leiderschap en zorgt ervoor dat risico's geïdentifi ceerd en beheerd kunnen worden. De Raad is verantwoordelijk voor de algemene strategie en waarden van EXMAR, gebaseerd op de sociale, economische en ecologische verantwoordelijkheid, genderdiversiteit en diversiteit in het algemeen. Aan de bestuurders wordt tijdig een dossier bezorgd met alle informatie voor de beraadslaging over de agendapunten. De beslissingen in de Raad van Bestuur worden genomen in overeenstemming met artikel 22 van de statuten, dat onder meer bepaalt dat, ingeval van staking van stemmen, de stem van de voorzitter doorslaggevend is. Tot op heden heeft zich een dergelijke staking van stemmen niet voorgedaan.
Betreffende de genderdiversiteit op het niveau van de Raad van Bestuur wordt in artikel 7 van de Wet van 28 juli 2011 bepaald dat vennootschappen met een free fl oat van minder dan 50% over een termijn van acht jaar (in plaats van zes jaar) beschikken om zich te regulariseren. Bij toekomstige benoemingen zullen de nodige maatregelen worden genomen opdat de opgelegde quota vanaf 1 januari 2019 bereikt zijn.
In 2016 hield de Raad vijf vergaderingen; alle vergaderingen werden voorgezeten door de heer Bodson; op elke vergadering waren alle leden aanwezig, behalve op de vergadering van 17 mei 2016, waarop de heer Guy Verhofstadt en de heer Howard Gutman door een volmachthouder vertegenwoordigd waren.
Naast de uitoefening van de bevoegdheden voorzien door de wet, de statuten en het Corporate Governance Charter, behandelt de Raad van Bestuur onder meer de volgende onderwerpen:
Het Auditcomité wordt opgericht door de Raad van Bestuur en functioneert in overeenstemming met artikel 526bis van het Wetboek van Vennootschappen. De Raad van Bestuur heeft aan het Auditcomité, binnen zijn domein, de ruimste onderzoeksbevoegdheden toegekend.
Het Auditcomité verleent bijstand aan de Raad van Bestuur met betrekking tot zijn toezichtverantwoordelijkheden en controle in de meest ruime zin. Het is het contactpunt voor zowel de interne als de externe auditor. Omwille van hun diploma, hun loopbaan in verschillende multinationale groepen en hun huidige professionele werkzaamheden beschikken alle leden van het Auditcomité over de vereiste expertise inzake accounting en auditing en zijn zij vertrouwd met fi nanciële verslaggeving, boekhoudstandaarden en risico's.
De Corporate Governance Code bepaalt dat minstens de helft van de leden van het Auditcomité onafhankelijk moet zijn. Artikel 526bis van het Wetboek van Vennootschappen en het EXMAR Corporate Governance Charter voorzien dat minstens één lid onafhankelijk moet zijn; de Raad van Bestuur is van mening dat de samenstelling van het Auditcomité voldoet aan het doel van de Wet.
De specifi eke verantwoordelijkheden van het Auditcomité zijn uiteengezet in een Audit Charter dat werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 31 maart 2011 en gewijzigd op 25 maart 2015.
In 2016 werden vier vergaderingen gehouden, waarop telkens alle leden aanwezig waren; de commissaris was aanwezig tijdens twee vergaderingen en de interne auditor was aanwezig tijdens één vergadering.
Het Auditcomité heeft zich gebogen over specifi eke fi nanciële aangelegenheden die gedurende het jaar aan de orde kwamen en advies gegeven aan de Raad van Bestuur; verdere agendapunten waren:
Het Benoemings- en Remuneratiecomité werd opgericht door de Raad van Bestuur en functioneert in overeenstemming met artikel 526quater van het Wetboek van Vennootschappen. Alle leden van het Benoemings- en Remuneratiecomité beschikken over de nodige deskundigheid op het gebied van remuneratiebeleid door de uitoefening van hun functies gedurende hun loopbaan.
Het comité staat de Raad van Bestuur bij in de uitoefening van zijn verantwoordelijkheid inzake de bepalingen van het remuneratiebeleid van de Vennootschap en de benoemingsprocedures.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité was op 31 december 2016 samengesteld uit drie leden, waarvan minstens de helft onafhankelijke bestuurders waren.
De specifi eke verantwoordelijkheden worden uiteengezet in een Benoemings- en Remuneratiecomité Charter, dat werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 29 november 2011. De Raad van Bestuur keurde eveneens de procedure voor de benoeming en herbenoeming van bestuurders en leden van het Directiecomité goed.
Tijdens het afgelopen jaar is het Benoemings- en Remuneratiecomité tweemaal samengekomen; alle leden waren aanwezig op elke vergadering.
Met betrekking tot remuneratie werden volgende onderwerpen behandeld:
Met betrekking tot benoemingen werden de volgende onderwerpen behandeld:
De Raad van Bestuur heeft zijn bestuursbevoegdheden gedelegeerd aan een Directiecomité in overeenstemming met artikel 524bis van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen; dit is verantwoordelijk voor het dagelijks bestuur van EXMAR en de EXMAR Groep, onder toezicht van de Raad van Bestuur.
De werkingsregels van het Directiecomité zijn opgenomen in een Charter, dat werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 29 november 2011.
Het Directiecomité komt op regelmatige basis samen. De CEO zit het Directiecomité voor.
De rol van het Directiecomité bestaat erin EXMAR te leiden in overeenstemming met de waarden, de strategieën, de beleidslijnen, de planningen en de budgetten die door de Raad van Bestuur zijn vastgesteld.
Om de doeltreffendheid van de Raad en zijn comités te evalueren, heeft de Raad van Bestuur in 2011 een evaluatieproces in voege gebracht, dat in 2014 werd vernieuwd. In de loop van 2017 zal een nieuwe evaluatie van de Raad in voege treden. Doel: de effi ciëntie verhogen, de waarden versterken, tekortkomingen opsporen in de competenties van de Raad en toezien op de relatie tussen de Raad en de Comités en tussen de Raad en het Directiecomité.
De Raad heeft bij elke vergadering besloten om een gesloten sessie te organiseren.
Elk comité rapporteert aan de Raad over zijn activiteiten.
KPMG Bedrijfsrevisoren CVBA (bedrijfsrevisoren), vertegenwoordigd door de heer Serge Cosijns: commissaris. Bij besluit van de gewone Algemene Vergadering van 17 mei 2016 verving Serge Cosijns Filip De Bock als permanent vertegenwoordiger van KPMG om te voldoen aan de verplichte interne rotatieregels van het Instituut van de Bedrijfsrevisoren die goedgekeurd werden op 30 augustus 2007.
De commissaris verzorgt de externe audit, zowel op geconsolideerde als op enkelvoudige cijfers, van EXMAR. In zijn vergadering van 1 september 2016 stelde het Auditcomité aan de Raad van Bestuur voor, en ging de Raad hiermee akkoord, om niet langer de halfjaarlijkse resultaten te beoordelen, in de lijn van het beleid van andere genoteerde bedrijven. De commissaris werd echter verzocht om de geactualiseerde versie van de verkorte geconsolideerde tussentijdse fi nanciële staten te lezen om zich ervan te verzekeren dat deze in overeenstemming waren met de aanpassingen die door het Comité voorgesteld werden.
KPMG werd herbenoemd op de gewone Algemene Vergadering van 19 mei 2015 voor een nieuwe periode van drie jaar, eindigend bij de Algemene Vergadering van 2018. In overeenstemming met het nieuwe Europese regelgevende kader voor wettelijke auditors (537/2014), zal het mandaat van KPMG Bedrijfsrevisoren CVBA, vertegenwoordigd door de heer Serge Cosijns, eindigen op de jaarlijkse Aandeelhoudersvergadering, die gehouden zal worden op 16 mei 2017. EXMAR NV heeft een openbare aanbestedingsprocedure uitgeschreven voor de wettelijke controle over de boekjaren 2017 tot 2019. Het Auditcomité zal zijn aanbevelingen overmaken aan de Raad van Bestuur, die een voorstel zal opstellen voor de aandeelhoudersvergadering, gebaseerd op de gemotiveerde aanbevelingen van het Auditcomité.
EY werd aangesteld om de Vennootschap bij te staan bij de uitoefening van haar interne controlewerkzaamheden. De interne auditor werd herbenoemd voor een nieuwe periode van drie jaar, eindigend bij de zitting van het Auditcomité van maart 2019.
De heer Mathieu Verly, Secretaris, benoemd sedert 1 juli 2015. De Secretaris ziet erop toe dat de procedures van de Raad worden gevolgd en dat de Raad handelt in overeenstemming met zijn wettelijke en statutaire verplichtingen. Hij adviseert de Raad in alle bestuursaangelegenheden en staat de voorzitter van de Raad bij in het vervullen van bovenvermelde taken en biedt hem logistieke ondersteuning voor de organisatie van de Raad (informatie, agenda enz.).
De heer Patrick De Brabandere, COO, benoemd tot Compliance Offi cer door de Raad van Bestuur op 25 maart 2015 met ingang vanaf 1 juli 2015 op aanbeveling van het Auditcomité. Hij is belast met het invoeren van en het toezicht op de naleving van de Gedragscode en de taken beschreven in het Compliance Model als lid van het Risicocomité.
EXMAR werd een institutioneel lid van Guberna omdat EXMAR gelooft in de voordelen van de principes van Corporate Governance en zijn corporate governance-structuur graag verder wil ontwikkelen. Guberna is een kenniscentrum voor de bevordering van Corporate Governance in al zijn vormen, dat een platform biedt voor de uitwisseling van ervaringen, kennis en goede praktijken.
In samenwerking met EXMAR organiseerde Guberna een programma ter bevordering van de effectiviteit van bestuurders (4 sessies) voor de nieuwe bestuurders.
Elk lid van de Raad van Bestuur en van het Directiecomité wordt aangemoedigd om zijn persoonlijke en zakelijke belangen zo te regelen dat er geen rechtstreeks of onrechtstreeks belangenconfl ict is met de Vennootschap. Het Corporate Governance Charter van de Vennootschap bepaalt dat iedere transactie tussen de Vennootschap of enige van haar dochtermaatschappijen en een bestuurder of lid van het Directiecomité vooraf goedgekeurd dient te worden door de Raad van Bestuur ongeacht of dergelijke transactie al dan niet onderhevig is aan toepasselijke rechtsregels. Een dergelijke transactie kan alleen geschieden op basis van marktconforme voorwaarden.
In geval van belangenconfl ict worden de bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen toegepast.
Volgens artikel 523 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen dient binnen de Raad van Bestuur een bijzondere procedure te worden gevolgd indien een bestuurder rechtstreeks of onrechtstreeks een vermogensrechtelijk belang heeft dat strijdig is met een beslissing of een verrichting die tot de bevoegdheid van de Raad van Bestuur behoort.
Volgens artikel 524ter van het Belgische Wetboek van Vennootschappen dient binnen het Directiecomité een bijzondere procedure te worden gevolgd indien een lid van het Directiecomité rechtstreeks of onrechtstreeks een vermogensrechtelijk belang heeft dat strijdig is met een beslissing of een verrichting die tot de bevoegdheid van het Directiecomité behoort.
EXMAR heeft geen kennis van enig belangenconfl ict bij de leden van de Raad van Bestuur en het Directiecomité in de zin van artikel 523 respectievelijk 524ter, behoudens deze die eventueel zouden beschreven zijn in het jaarverslag van de Raad van Bestuur.
In geval van transacties met verbonden ondernemingen worden de bepalingen van het Belgische Wetboek van Vennootschappen toegepast.
Artikel 524 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen voorziet in een bijzondere procedure die van toepassing is op transacties binnen een groep of transacties met verbonden vennootschappen. De procedure is van toepassing op beslissingen en transacties tussen de Vennootschap en verbonden vennootschappen van de Vennootschap die geen dochterondernemingen zijn.
Momenteel verlenen Saverbel NV en Saverex NV, vennootschappen door de heer Nicolas Saverys, CEO gecontroleerd, administratieve diensten aan de EXMAR Groep. Deze diensten worden gefactureerd aan marktconforme voorwaarden.
EXMAR erkent de nood aan duidelijke gedragscodes, structuren en procedures om de naleving van de wereldwijd van toepassing zijnde normen, wetten en praktijken met betrekking tot Corporate Governance te garanderen.
EXMAR's Ethische Bedrijfscode beschrijft "Onze manier van werken". Ze vat de waarden, regels en richtlijnen van EXMAR samen.
De Ethische Bedrijfscode bevat regels met betrekking tot individuele verantwoordelijkheden, evenals verantwoordelijkheden tegenover EXMAR's medewerkers, klanten, aandeelhouders en andere belanghebbenden in verband met:
Deze Code is opgenomen in het Corporate Governance Charter als Appendix 4.
De Ethische Bedrijfscode zorgt ervoor dat alle werknemers van EXMAR begrijpen wat er van hen verwacht wordt en wat toegelaten is wanneer zij optreden namens EXMAR.
Om te voldoen aan de EU-verordening (596/2014) betreffende marktmisbruik van 16 april 2014, die in België in werking trad op 3 juli 2016, is een herziene Gedragscode opgenomen in het Corporate Governance Charter als Appendix 3.
Deze Gedragscode vat de regels samen die gevolgd dienen te worden in de omgang met de fi nanciële instrumenten van de Vennootschap.
Compliance is een belangrijk deel van de algemene bedrijfsstrategie en de werking van de gehele organisatie.
Om de naleving van regels en wetten nog beter te verzekeren en de risico's van inbreuken en de nadelige gevolgen hiervan voor EXMAR en alle belanghebbenden te beperken, heeft de Raad van Bestuur beslist een Compliance Programma voor EXMAR in te voeren.
Dit programma werd uitgewerkt in samenwerking met de directie en externe Raadgevers en is gebaseerd op het internationale COSO 2013-kader (COSO: "Committee of Sponsoring Organizations"). Het beoogt een permanente staat van "compliance" (naleving) door middel van procedures en structuren die voortdurende verbetering nastreven. Het Compliance Programma is opgenomen in het Compliance Model. Dat Model beschrijft de structuren en procedures die dienen om risico's in te schatten en op te sporen, om overtredingen te rapporteren en te beteugelen en om de medewerkers te sensibiliseren en bij te scholen
Het Handboek bevat de volgende beleidsinformatie:
Het nalevingsbeleid van EXMAR bevestigt het engagement van het bedrijf om de toepasselijke wet- en regelgeving na te leven. Een specifi ek Risicocomité wordt opgericht met als opdracht het continu bewaken van de correcte werking van het Model en het respecteren van de toepasselijke wetgeving.
Het Risicocomité van EXMAR voert deze taken uit voor alle entiteiten binnen de EXMAR Groep.
Het Risicocomité omvat de COO (als de Compliance Offi cer), de voorzitter van het Auditcomité en een derde persoon die aangeduid wordt door de Raad volgens de aanbeveling van het Auditcomité (die
als voorzitter van het Risicocomité zal optreden). EXMAR heeft een "Compliance Risk Universe" opgebouwd, dat alle risicogerelateerde thema's omvat met betrekking tot de vereisten van de wet- en regelgeving en van de activiteiten van het bedrijf. Voor elk thema werd er een "Key Risk Offi cer" aangesteld.
Het Risicocomité dient minstens eenmaal per jaar een verslag over te maken aan het Auditcomité, in de gevraagde vorm en binnen de gestelde termijn, over de risicobeoordeling die uitgevoerd werd door de Key Risk Offi cers die de opdracht kregen en geautoriseerd werden om de risico's te beoordelen zoals beschreven in het Compliance Model en over eventuele klachten of vragen die ontvangen werden door het Risicocomité. Minstens eenmaal per jaar dient het Risicocomité verslag uit te brengen aan het Auditcomité over de klachten die ontvangen werden in verband met niet-nalevingen en het gevolg dat hieraan gegeven werd (tenzij de klacht betrekking heeft op een lid van het Auditcomité, in welk geval de klacht gericht dient te worden aan de voorzitter van de Raad). Het Auditcomité brengt minstens eenmaal per jaar verslag uit aan de Raad over de werking van het Risicocomité.
EXMAR is geëngageerd wat betreft de naleving van alle internationaal erkende mensenrechten. We zullen inbreuken op de mensenrechten vermijden en ernaar streven om op een gepaste manier om te gaan met de negatieve effecten op het vlak van mensenrechten waarop we een invloed hebben.
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle | |
|---|---|---|---|
| MARKTRISICO'S | Zowel de gas- en oliemarkt in zijn ge heel als de wereldwijde markt van het gastransport zijn cyclisch. |
Een algemene dip in de olie- en gas markt zou een impact kunnen hebben op de tarieven voor gastransport, wat onze inkomsten en kasstromen zou kunnen beïnvloeden, evenals de waarde van onze vloot. |
Een gediversifi eerde klantenportefeuille en een goede indekking met een com binatie van contracten op lange en korte termijn. De waarde van onze vloot wordt continu bewaakt en beoordeeld op basis van interne en externe informatie. |
| Een lagere vraag naar gastransporteurs, FSRU's en ander drijvend materieel zo als onze LNG-infrastructuur in ontwik keling. |
Een lagere vraag zou een invloed hebben op de transporttarieven en het aantal da gen dat onze vloot niet in gebruik is. Dit zou voelbaar zijn in onze inkomsten en kasstromen en in de waarde van onze vloot en onze fi nanciële positie. |
Een aanzienlijk deel van onze vloot is in gedekt door contracten op lange termijn. Geografi sche diversifi catie en een kwali teitsvolle klantenportefeuille en netwerk door integratie in de markten dankzij ja renlange ervaring. We zijn een fl exibele rederij die streeft naar structurele kwaliteit en duurzaamheid voor haar klanten. |
|
| POLITIEKE SITUATIE IN HET BUITENLAND |
Verslechtering van de economische, wettelijke en politieke situatie in lan den, waaronder politieke, burgerlijke en militaire confl icten. Dergelijke evoluties kunnen leiden tot aanvallen op schepen, verstoring van waterwegen, piraterij, ter rorisme en andere activiteiten. |
Wijzigingen in de economische, wettelijke en politieke situatie kunnen de handels patronen van LPG en LNG beïnvloeden, evenals onze vloot, onze resultaten en onze fi nancieringsmogelijkheden. Instabiliteit zou kunnen leiden tot een kleinere vraag naar onze diensten. We zouden ook blootgesteld kunnen worden aan hogere, bijkomende of onverwachte kosten om te voldoen aan ver anderde wet- en regelgeving en er zouden gevolgen kunnen zijn voor onze verzeke ringskosten of -contracten. |
Een continue bewaking en beoordeling van de economische, politieke en wettelijke situ atie om elke mogelijke impact te voorzien, te beperken of te vermijden. Informatie inwin nen bij autoriteiten en/of brancheorganisa ties en bij gespecialiseerde consultants. Onze verzekeringspolis wordt regelmatig geactua liseerd en omvat onder andere bescherming en schadeloosstelling, casco en machines en inkomstenderving volgens de verzekerde waarden, die voldoende geacht worden om de voorziene verliezen te dekken. |
CONCURRENTIE Concurrenten die investeren in LPG-schepen, LNGRV's of ander drijvend materieel via samenvoeging, aankoop van tweedehandsuitrusting of nieuwbouw.
Er is heel veel concurrentie bij het verkrijgen van contracten. Een grotere concurrentie kan leiden tot een grotere prijsconcurrentie voor contracten en kan de prijs van schepen en ander drijvend materieel beïnvloeden. Dit kan een wezenlijke impact hebben op onze resultaten en kasstromen en op de waarde van onze vloot.
Beschrijving van het risico Potentiële impact Beperkende factoren en controle
Defi niëren van een strategie met een langetermijnvisie en voortdurend rekening houdend met de bestaande trends in de sector. De ervaring van ons managementteam en onze raad van bestuur. Investeren in een groot aantal factoren, zoals de kwaliteit van onze activiteiten, technische bekwaamheden en reputatie, de kwaliteit en ervaring van onze bemanning en de relaties binnen de sector.
nodig geacht worden.
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle | |
|---|---|---|---|
| RISICO'S VER BONDEN AAN DE EXPLOITATIE VAN SCHEPEN EN AN DER DRIJVEND MATERIEEL |
Milieu-ongevallen, werkonderbrekingen veroorzaakt door een mechanisch defect, menselijke fout, oorlog, terrorisme, poli tieke acties in verschillende landen, sta kingen of slechte weersomstandigheden. Schepen die niet voldoen aan bepaalde prestatienormen. |
Dit zou onze reputatie als betrouwbare rederij schade toebrengen en leiden tot hogere kosten en een hoger aantal da gen dat het schip niet in gebruik is. De kosten van dringende herstellingen zijn onvoorspelbaarder en kunnen zeer hoog oplopen. Wanneer niet voldaan wordt aan de prestatienormen kan de bevrach ter weigeren een deel van de huursom te betalen. |
Al onze schepen en uitrusting zijn gedekt door een gepaste verzekering. Onze erva ring in de sector en ons beleid en proce dures, bijv. voor onderhoud en opleiding, moeten bepaalde risico's die inherent zijn aan onze activiteiten beperken of vermij den. |
| HOGERE BE DRIJFSKOSTEN |
Bedrijfskosten en onderhoudskosten kunnen sterk variëren. |
De bedrijfskosten en droogdokkosten zijn afhankelijk van een groot aantal factoren buiten onze controle waaraan de hele scheepvaartsector onderhevig is. Sche pen die zich in het droogdok bevinden, kunnen ook leiden tot een verlies aan inkomsten. |
Proactief intern scheepsmanagement en een constante interne en externe contro le van onze uitrusting. Ons onderhouds beleid wordt dagelijks geactualiseerd en verbeterd om het hoogste kwaliteitsni veau te garanderen. |
| OUDERDOM VAN DE VLOOT |
Naarmate een schip ouder wordt, wor den de vereisten strenger, waardoor het schip moeilijker kan concurreren met moderne schepen en het gebruik ervan duurder wordt. |
We moeten grote kosten maken om de operationele capaciteit van onze vloot op peil te houden. Deze kosten kunnen sterk variëren en hoger zijn door bepaalde ver eisten van klanten, normen en regelge ving betreffende concurrentie, of normen voor bedrijven. |
De gemiddelde leeftijd van onze vloot wordt gecontroleerd en onze strategie omvat regelmatige investeringen in nieu we schepen om onze vloot concurrerend te houden. Ons intern scheepsmanage ment- en commercieel team heeft vele jaren ervaring met het beoordelen van operationele en commerciële prestaties. Al onze schepen zijn gecertifi ceerd als "in klasse" door een classifi catiemaatschap pij, wat ook een vereiste is voor dekking door de verzekering. Onze schepen wor den dagelijks geïnspecteerd, ofwel op zee ofwel in de haven. Op basis van deze inspecties wordt het permanent onder houdsplan van elk schip gecreëerd, geac tualiseerd en geïmplementeerd. |
| ACTIVA IN AANBOUW |
Specifi eke risico's zijn van toepassing op onze activa in aanbouw, o.a. de solven tie van onze aannemer en de levering van het actief in overeenstemming met alle specifi caties en met alle vereiste toelatingen. |
Wanneer de scheepswerf onze activa in aanbouw niet bouwt of levert, of in geval van het faillissement van de scheeps werf, heeft dit een aanzienlijke impact op onze fi nanciële positie en onze resulta ten. Indien de scheepswerf het contract niet uitvoert en wij niet in staat zijn de terugbetalingsgarantie af te dwingen, kunnen wij het geheel of een gedeelte van onze investering verliezen. |
Er worden voorschotten betaald aan de scheepswerven en sommige van deze voorschotten worden gedekt door een terugbetalingsgarantie. De voortgang van de bouw en het voldoen aan alle techni sche en wettelijke specifi caties worden nauwlettend opgevolgd door onze tech nische teams op de scheepswerven, de solventie van de scheepswerven wordt ook continu beoordeeld door het ma nagementteam en bijkomende zeker heden worden gevraagd wanneer deze |
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle | |
|---|---|---|---|
| GEBRUIK | Schepen of ander drijvend materieel worden niet ingezet gedurende langere periodes of contracten worden niet her nieuwd of worden voortijdig beëindigd. |
Indien we er niet in slagen rendabele contracten op lange termijn aan te gaan voor onze bestaande vloot of onze drij vende activa in aanbouw, dan zal dit een aanzienlijke impact hebben op onze resultaten en kasstromen. We zouden afhankelijk zijn van een kortetermijn- of spotmarkt of van contracten gebaseerd op veranderende marktprijzen. Boven dien zou het moeilijker kunnen zijn om fi nanciering te vinden voor dergelijke ac tiva tegen redelijke voorwaarden. |
Ons managementteam en ons commer cieel team hebben vele jaren ervaring en zijn geïntegreerd in de markt. Onze con tractenportefeuille is sterk gediversifi eerd. De commerciële strategie bestaat erin om fl exibel te blijven in de markt door een goed evenwicht te bewaren tussen contracten op lange en op korte termijn. |
| REGELGEVING | Een nieuwe regelgeving zou van kracht kunnen worden. Er kunnen ook wijzigin gen in de milieuwetgeving doorgevoerd worden door overheden of andere auto riteiten. |
Wijzigingen in het regelgevend kader kunnen eveneens een invloed hebben op onze mogelijkheden om contracten te bekomen voor het gebruik van onze schepen of drijvend materieel en de kos ten die we moeten maken om te voldoen aan alle vereisten en wetgeving zouden kunnen stijgen. |
Continu opvolgen en voorzien van ver anderingen in de wetgeving en de van toepassing zijnde vereisten. Onze interne scheepsmanager en ons management team hebben vele jaren ervaring en een uitgebreid netwerk binnen de sector om bestaande trends en veranderingen op te volgen. |
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle | |
|---|---|---|---|
| TEGENPARTIJ RISICO'S |
Afhankelijkheid van een beperkt aantal klanten: we ontvangen een belangrijk deel van onze inkomsten van een be perkt aantal klanten. |
Vooral in ons LNG-segment zijn we af hankelijk van de bevrachter Excelerate Energy. Behalve één LNG-schip is onze hele LNG-vloot in gebruik door Excele rate Energy. Een verslechtering van de fi nanciële situatie van Excelerate Energy zou leiden tot een aanzienlijk verlies van inkomsten en kasstromen. |
Sommige van de verplichtingen van Excelerate Energy in het kader van de langetermijncontracten of garanties of andere zekerheden. Excelerate Energy is reeds meer dan 10 jaar een belangrij ke klant voor Exmar, ons management team beschikt over de nodige ervaring en knowhow om de activiteiten en de fi nanciële situatie van Excelerate Energy te beoordelen. |
| Bevrachters kunnen betalingsachter stand oplopen of failliet gaan. |
In geval van verlies van een klant zou dit een impact hebben op onze inkomsten en onze kasstromen. De kosten om een nieuw contract aan te gaan voor het schip kunnen hoog zijn en de marktvoorwaar den kunnen ongunstig zijn. |
Ons klantenbestand is sterk gediversi fi eerd en bestaat uit grote bedrijven die actief zijn op de olie- en gasmarkt. Voor nieuwe klanten vindt er een uitvoerig kredietonderzoek plaats en bijkomende zekerheden of garanties worden geëist wanneer dit nodig geacht wordt. De huursom dient vooraf betaald te worden. |
|
| FINANCIERING | EXMAR is onderhevig aan beperkingen op kredietovereenkomsten, zoals fi nan ciële convenanten, controlewijzigingen en beperkingen op de mogelijkheid van EXMAR en haar dochterbedrijven om verdere schulden aan te gaan, divi dend uit te keren, kapitaalaandelen van dochterondernemingen te verkopen, be paalde investeringen te doen, schepen te kopen en te verkopen zonder de toe stemming van haar kredietverstrekkers. |
De bestaande fi nancieringsafspraken voor onze vloot worden gedekt door onze schepen en bevatten beperkingen en an dere convenanten die onze activiteiten en fi nanciering zouden kunnen beperken. Elk verzuim kan leiden tot de vervroeging van de vervaldag en de kredietverstrek kers kunnen een beroep doen op de ga ranties. |
Onze kasstromen en onze fi nanciële positie, met inbegrip van de vereisten van de fi nancieringsovereenkomsten, worden continu opgevolgd. Onze fi nan cieringsstrategie streeft naar de diversi fi ëring van fi nancieringsmiddelen en de spreiding van de vervaldagen. Er wordt een dialoog onderhouden met verschil lende investeerders en fi nanciële part ners om een relatie op lange termijn op te bouwen. Per 31 december 2016 wordt aan alle van toepassing zijnde fi nanciële voorwaarden voldaan die verbonden zijn |
aan de fi nancieringsovereenkomsten.
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle | |
|---|---|---|---|
| Financiering die gezocht moet worden voor activa in aanbouw en bestaande fi nancieringsovereenkomsten dienen op de vervaldag geherfi nancierd te worden. |
De onmogelijkheid om onze activa in aanbouw en onze bestaande vloot te fi nancieren of te herfi nancieren zou een aanzienlijke impact hebben op onze fi nanciële positie. De fi nancierings mogelijkheden en de fi nancieringskosten kunnen variëren en afhankelijk zijn van de algemene economische omstandig heden. |
Financieringen zijn inherent aan onze activiteiten en investeringen. Ons ma nagement team heeft talrijke contacten met fi nanciële partners en heeft een aan zienlijke expertise in het bekomen van fi - nancieringen voor diverse activiteiten en investeringen. |
|
| RENTEVOETEN EN WISSELKOER SEN |
Een belangrijk deel van onze fi nancie ringsovereenkomsten heeft een varia bele rentevoet. Onze transacties vinden plaats in USD, maar bepaalde kosten zijn in EUR en een deel van onze fi nan ciële schuld is in NOK. |
Een stijging van de rentevoeten op de internationale fi nanciële markten zou een negatieve invloed hebben op onze kasstromen en mogelijk ook op de reële waarde van fi nanciële instrumenten die gebruikt worden om zich in te dekken te gen de blootstelling aan rentevoeten. Een verzwakking van de USD in vergelijking met de EUR zou onze resultaten negatief beïnvloeden. Sommige van onze fi nanci ele instrumenten vereisen een waarborg in geld voor de reële waarde van het fi nanciële instrument. Bijkomende con tante waarborgen zouden vereist kunnen zijn. |
De blootstelling aan rentevoeten en aan wisselkoersen wordt actief beheerd en er zullen verschillende instrumenten ge bruikt worden om een gepast deel van de blootstelling te dekken. De schommelin gen in de reële waarde van afdekkings instrumenten zijn een niet-gerealiseerde, niet-geldelijke post. |
| WAARDEVER MINDERING |
Negatieve variaties in de reële markt waarde van onze vloot en ander drijvend materieel. |
Een sterke daling in de reële waarde van onze vloot zou kunnen leiden tot een te boeken bijzonder waardeverminderings verlies, wat een belangrijke impact zou hebben op onze fi nanciële positie en resultaat. De verhouding van de reële waarde van onze vloot tot de uitstaan de schuld is een fi nancieel convenant in onze fi nancieringsovereenkomsten. Een sterke daling zou tot een niet-naleving van de voorwaarden van dergelijke over |
De waarde van onze vloot wordt continu opgevolgd door middel van interne en externe informatie, onze activiteiten zijn vaak cyclisch, waardoor er op korte ter mijn schommelingen ontstaan in de reële waarde van onze vloot als geheel. De boekwaarde van onze vloot wordt onder steund door kasstroomprognoses op lan ge termijn. Per 31 december 2016 wordt voldaan aan alle fi nanciële voorwaarden verbonden aan onze fi nancieringsover |
eenkomsten kunnen leiden.
eenkomsten.
Het remuneratieverslag beschrijft het remuneratiebeleid van EXMAR zoals bepaald in de wetgeving van 6 april 2010 met betrekking tot Corporate Governance.
Het beloningsbeleid en de individuele regeling voor de leden van de Raad van Bestuur en leden van het Directiecomité zijn in lijn met voornoemde wetgeving.
EXMAR streeft naar een remuneratie waarmee zij de leden van de Raad van Bestuur en de leden van het Directiecomité kan aantrekken, behouden en motiveren en waarbij de bedrijfsbelangen op de middellange en lange termijn gewaarborgd en bevorderd worden.
Dankzij dit beleid tracht EXMAR te voorkomen dat de leden van de Raad van Bestuur en de leden van het Directiecomité zouden handelen in eigen belang of risico's zouden nemen die niet kaderen in de strategie en het risicoprofi el van de Vennootschap.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité is verantwoordelijk voor het opstellen van een procedure voor het uitwerken van een remuneratiebeleid.
De bedragen voor de remuneratie van de niet-uitvoerende bestuurders werden voor het laatst in 2006 aangepast en goedgekeurd door de aandeelhoudersvergadering. In zijn vergadering van 6 december 2016 heeft het Remuneratiecomité de remuneratie getoetst aan de marktpraktijken en werden er geen wijzigingen aanbevolen.
De aard en het bedrag van de remuneratie die toekomt aan de uitvoerende bestuurders en de leden van het Directiecomité wordt door de Raad van Bestuur beslist op voorstel van het Benoemings- en Remuneratiecomité.
De plannen die voorzien in de toekenning van aandelenopties worden door de Raad van Bestuur vastgesteld, op voorstel van het Benoemings- en Remuneratiecomité.
De niet-uitvoerende bestuurders ontvangen een jaarlijkse vaste vergoeding, niet prestatiegebonden, die verbonden is aan de bestuurdersfunctie en de functies in de verschillende comités, overeenkomstig het remuneratiebeleid van de Vennootschap. Niet-uitvoerende bestuurders ontvangen geen variabele vergoeding en zijn geen begunstigden van aanvullende pensioenplannen of aandelengerelateerde incentives. Het Benoemings- en Remuneratiecomité toetst periodiek de remuneratie van de niet-uitvoerende bestuurders op marktconformiteit.
De niet-uitvoerende bestuurders ontvangen een vaste jaarlijkse vergoeding van EUR 50.000. De voorzitter ontvangt omwille van zijn rol en verantwoordelijkheid een hogere vaste jaarlijkse vergoeding van EUR 100.000. Er werden aan de niet-uitvoerende en onafhankelijke bestuurders geen variabele vergoedingen, aandelenopties, aanvullende pensioenplannen, leningen of voorschotten toegekend.
De leden van het Auditcomité ontvangen een vaste jaarlijkse vergoeding van EUR 10.000. De voorzitter ontvangt een vergoeding van EUR 20.000.
De leden van het Benoemings- en Remuneratiecomité ontvangen een vaste jaarlijkse vergoeding van EUR 10.000.
Het mandaat van de uitvoerende bestuurders die tevens lid zijn van het Directiecomité wordt vergoed overeenkomstig het remuneratiebeleid voor het Directiecomité op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité.
| Vaste remuneratie | Auditcomité remuneratie |
Remuneratiecomité remuneratie |
Totaal | ||
|---|---|---|---|---|---|
| IN EURO | |||||
| Baron Philippe Bodson | Voorzitter | 100.000 | 10.000 | 10.000 | 120.000 |
| Nicolas Saverys | CEO | - | 0 | ||
| Patrick De Brabandere | COO | - | 0 | ||
| Ludwig Criel | niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 20.000 | 70.000 | |
| Michel Delbaere | niet-uitvoerend bestuurder | 31.284 | 6.257 | 37.541 | |
| Howard Gutman | niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 50.000 | ||
| Jens Ismar | niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 10.000 | 10.000 | 70.000 |
| Baron Philippe Vlerick | niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 10.000 | 60.000 | |
| Pauline Saverys | niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 50.000 | ||
| Barbara Saverys | niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 50.000 | ||
| Ariane Saverys | niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 50.000 | ||
| Guy Verhofstadt | niet-uitvoerend bestuurder | 18.716 | 3.743 | 22.459 |
De remuneratie van de leden van het Directiecomité, inclusief de CEO, bestaat uit:
De hoogte van de vaste vergoeding voor leden van het Directiecomité, waaronder de uitvoerende bestuurders, is afhankelijk van de functie van de persoon in kwestie, zijn verantwoordelijkheden en zijn vaardigheden.
De vergoeding wordt bepaald op basis van de vergoedingen van een referentiegroep, bestaande uit een aantal vergelijkbare ondernemingen uit de maritieme sector. Het Benoemings- en Remuneratiecomité kan, indien nodig, een beroep doen op een onafhankelijke externe consultant.
Eenmaal per jaar worden de verschillende vergoedingscomponenten van de leden van het Directiecomité (inclusief de CEO) door het Benoemings- en Remuneratiecomité geëvalueerd en getoetst op hun marktconformiteit.
De kortetermijnvergoeding (jaarbonus) beloont de leden van het Directiecomité voor het behalen van prestatiecriteria en de hoogte ervan wordt uitgedrukt in een percentage van de jaarlijkse vaste vergoeding. De evaluatieperiode is het boekjaar.
De variabele vergoeding is afhankelijk van het resultaat van de Vennootschap en van andere factoren zoals het functioneren van de betrokkene, de toekomstperspectieven, de marktsituatie, exceptionele bijdrage(n) en/of speciale projecten.
De variabele vergoeding is voor 60% afhankelijk van de evolutie van het resultaat, waarbij verschillende wegingen worden gebruikt voor de recurrente en niet-recurrente delen van het resultaat. De overige 40% is afhankelijk van de specifi eke beoordeling en het functioneren van elk individu.
De Raad van Bestuur kan hiervan afwijken en beslissen om op basis van andere objectieve criteria een bonus toe te kennen aan een lid van het Directiecomité.
De buitengewone aandeelhoudersvergadering van 17 mei 2011 heeft beslist gebruik te maken van de toelating voorzien in artikel 520ter van het Wetboek van Vennootschappen en aldus uitdrukkelijk af te zien van de regeling betreffende de spreiding in de tijd van de betaling van de variabele vergoeding van de leden van het Directiecomité. De beslissing omtrent een eventuele toepassing van vermelde regeling werd door hogervermelde Aandeelhoudersvergadering gedelegeerd aan de Raad van Bestuur.
Indien het resultaat op substantiële wijze afwijkt van de basis waarop de variabele remuneratie van de leden van het Directiecomité is berekend, kan de Raad van Bestuur beslissen om het variabele gedeelte van de remuneratie te herzien en desgevallend terug te vorderen.
Door middel van de langetermijnvergoeding stuurt EXMAR aan op duurzame economische waardecreatie. Hierdoor worden de belangen van de leden van het Directiecomité beter afgestemd op die van de aandeelhouders en kunnen zij aan de Vennootschap verbonden blijven.
De langetermijnvergoeding bestaat uit een aandelenoptieplan op bestaande EXMAR-aandelen.
De opties kunnen pas uitgeoefend worden na een periode van 3 jaar en zijn verworven vanaf aanvaarding.
Wanneer een lid van het Directiecomité ontslag neemt, of bij ontslag om dringende redenen door EXMAR, vervalt het recht op het uitoefenen van de opties.
Het aantal aangeboden aandelenopties wordt elk jaar door de Raad van Bestuur goedgekeurd op aanbeveling van het Benoemingsen Remuneratiecomité. De toekenning van aandelenopties is niet gebonden aan vooraf vastgelegde en objectief meetbare prestatiecriteria.
De leden van het Directiecomité met een zelfstandigen- of werknemersstatuut hebben een groepsverzekering (type individuele pensioentoezegging voor zelfstandigen) en zijn aangesloten bij een verzekering gewaarborgd inkomen, ongevallenverzekering, hospitalisatieverzekering en reisbijstandsverzekering.
De leden van het Directiecomité beschikken over een bedrijfsvoertuig, gsm en ontvangen maaltijdcheques.
| CEO: Nicolas Saverys | Leden: 6 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | 2016 | 2015 | ||
| Basisvergoeding | € 823.205 | € 823.205 | € 2.377.613 | € 2.296.547 | |
| Variabele vergoeding | € 0 | € 350.000 | € 0 | € 1.150.000 | |
| Aandelenopties (belastbare basis) | € 0 | € 60.606 | € 0 | € 191.919 | |
| Verzekeringspakket* | € 212.475 | € 212.475 | € 325.505 | € 320.247 | |
| Overige voordelen** | p.m. | p.m. | € 60.000 | € 60.000 | |
| TOTAAL | € 1.035.680 | € 1.446.286 | € 2.763.118 | € 4.018.713 |
* individuele pensioentoezegging, verzekering gewaarborgd inkomen, ongevallenverzekering, hospitalisatieverzekering, reisbijstandsverzekering
** huisvesting, wagen, gsm en maaltijdcheques
Aan de leden van het Directiecomité werden in 2016 geen leningen of voorschotten toegekend. Per 31 december 2016 bedroeg de openstaande schuldvordering tov Mr. Nicolas Saverys EUR 258.523 als gevolg van doorgerekende privé-uitgaven.
De verhouding tussen het vaste en het variabele gedeelte van de vergoeding van de leden van het Directiecomité in 2016 was als volgt:
| VOORZITTER VAN HET DIRECTIECOMITÉ (CEO) | ||
|---|---|---|
| Basisvergoeding | 100% | |
| Variabele vergoeding | 0% |
| OVERIGE LEDEN VAN HET DIRECTIECOMITÉ | |||
|---|---|---|---|
| Basisvergoeding | 100% | ||
| Variabele vergoeding | 0% |
De leden van het Directiecomité behoren tot de begunstigden van het aandelenoptieplan, goedgekeurd door de Raad van Bestuur. Op basis van de aanbevelingen van het Benoemings- en Remuneratiecomité besliste de Raad van Bestuur over 2016 geen aandelenopties toe te kennen.
| Uitstaand per 31.12.2015 |
Verlopen in 2016 | Uitgeoefend in 2016 |
Toegekend in 2016 | Uitstaand per 31.12.2016 |
|
|---|---|---|---|---|---|
| Nicolas Saverys | 425.430 | 20.249 | - | 405.181 | |
| Patrick De Brabandere | 198.807 | - | 198.807 | ||
| Miguel de Potter | 93.488 | - | 93.488 | ||
| Pierre Dincq | 119.829 | - | 119.829 | ||
| David Lim | 146.158 | - | 146.158 | ||
| Marc Nuytemans | 148.928 | - | 148.928 | ||
| Bart Lavent | 92.975 | - | 92.975 | ||
| 1.225.615 | - | 20.249 | - | 1.205.366 |
Er worden geen aandelen van EXMAR toegekend aan de leden van het Directiecomité.
Zes leden van het Directiecomité (inclusief de CEO) hebben het statuut van zelfstandige. Behoudens Lara Consult BVBA, vertegenwoordigd door Mr. Bart Lavent, en Chirmont NV, vertegenwoordigd door Mr. Miguel de Potter, hebben zij in geval van beëindiging van hun benoeming geen recht op enige vorm van vertrekvergoeding. In het geval van beëindiging zou Lara Consult BVBA recht hebben op een vergoeding die overeenstemt met zeven maanden loon en Chirmont NV op een vergoeding die overeenstemt met drie maanden loon. Mr. David Lim is tewerkgesteld onder een arbeidsovereenkomst naar Amerikaans recht en heeft geen contractuele opzegtermijn.
Er vonden in 2016 geen belangrijke wijzigingen plaats in het remuneratiebeleid.
Er worden geen belangrijke wijzigingen voorzien in het remuneratiebeleid van de komende twee jaar.
Remuneratieverslag 67
Geachte aandeelhouders,
Het verslag van de Raad van Bestuur werd opgesteld conform de bepalingen van artikelen 96 en 119 van het Wetboek van Vennootschappen. Het wordt goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 30 maart 2017 en het verwijst naar de jaarrekening voor het boekjaar eindigend op 31 december 2016.
EXMAR NV is verplicht haar jaarrekening te publiceren volgens de bepalingen van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007 betreffende de verplichtingen van emittenten van fi nanciële instrumenten die zijn toegelaten tot verhandeling op de Belgische gereglementeerde markt.
De elementen die volgens de hogervermelde reglementen en het Wetboek van Vennootschappen van toepassing zijn op de vennootschap, worden behandeld in deze jaarrekening en in de Corporate Governance Verklaring in het jaarverslag.
Dit jaarverslag dient samen met EXMAR's verslag over 2016 gelezen te worden.
Het geplaatst kapitaal van de vennootschap bedraagt USD 88.811.667 en wordt vertegenwoordigd door 59.500.000 aandelen zonder vermelding van nominale waarde. Alle aandelen zijn volgestort. Het kapitaal is niet gewijzigd tijdens het vorige boekjaar.
In afwijking van de bepalingen die zijn vastgelegd in artikel 125 van het Wetboek van Vennootschappen worden het kapitaal en de boekhouding uitgedrukt in US dollar. Deze afwijking werd toegestaan door het ministerie van Economische Zaken en werd schriftelijk bevestigd op 2 juli 2003. De Raad van Bestuur is van mening dat de redenen waarom de afwijking werd gevraagd nog steeds van toepassing zijn op de jaarrekening over deze periode.
In het afgelopen boekjaar hebben zich geen kapitaalwijzigingen voorgedaan die moeten worden gerapporteerd volgens artikel 608 van het Wetboek van Vennootschappen.
Het enkelvoudige resultaat voor het boekjaar bedraagt USD – 3,6 miljoen (USD 57,3 miljoen in 2015).
De bedrijfskosten daalden in vergelijking met 2015 met USD 15,7 miljoen, voornamelijk als gevolg van het geannuleerde DC LNG project, dat in de resultatenrekening opgenomen werd in 2015 (USD 12,9 miljoen).
De fi nanciële opbrengsten daalden met USD 101,4 miljoen in vergelijking met 2015, wat voornamelijk te wijten is aan lagere inkomsten uit dividenden van dochtermaatschappijen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen.
De fi nanciële kosten verminderden met USD 26 miljoen tegenover 2015; de fi nanciële kosten omvatten onder andere een waardevermindering op andere uitstaande vorderingen (USD 24,5 miljoen).
Op het einde van 2016 bedroegen de totale activa USD 891,3 miljoen (USD 905,1 miljoen op het einde van 2015), waarvan USD 680,2 miljoen fi nanciële vaste activa (USD 666,7 miljoen in 2015).
Het eigen vermogen bedroeg USD 538,0 miljoen op het einde van 2016 (USD 548,2 miljoen in 2015). Deze daling is het gevolg van het verlies van het boekjaar van USD -3,6 miljoen en het uitbetaalde interimdividend gedurende 2016 voor een totaal bedrag van USD 6,6 miljoen.
De schulden en voorzieningen op het einde van 2016 bedroegen USD 353,3 miljoen (USD 356,9 miljoen op het einde van 2015), waarvan USD 2,7 miljoen voorzieningen voor risico's en kosten, USD 270,2 miljoen langetermijnschulden en USD 80,4 miljoen kortetermijnschulden (respectievelijk USD 2,7 miljoen, USD 285,2 miljoen en USD 69 miljoen op het einde van 2015).
De enkelvoudige jaarrekening voor 2016 toont een verlies van USD -3,6 miljoen. Samen met de uit de vorige boekjaren overgedragen resultaten is een bedrag van USD 145,0 miljoen beschikbaar voor bestemming.
De Raad zal aan de algemene aandeelhoudersvergadering voorstellen om het resultaat van het boekjaar als volgt te bestemmen:
In september 2016 werd er EUR 0,10 per aandeel uitbetaald als interimdividend.
Na deze bestemming zal het eigen vermogen van USD 537.993.990,96 als volgt samengesteld zijn:
De onderstaande bespreking van de geconsolideerde jaarrekening is gebaseerd op de volgens de vermogensmutatiemethode opgestelde geconsolideerde jaarrekening. Wij verwijzen ook naar het verslag van de directie over de resultaten en activiteiten van onze segmenten in het verslag van EXMAR over 2016.
De EXMAR Groep heeft in 2016 een geconsolideerd resultaat gerealiseerd van USD 35,8 miljoen (USD 11,2 miljoen in 2015).
De omzet daalde in vergelijking met 2015 (USD 16,2 miljoen). Deze daling houdt voornamelijk verband met de WARIBOKO transactie (offshore segment). Einde mei 2016 verkocht EXMAR een deel van haar aandeel (60%) in de WARIBOKO aan haar Nigeriaanse partner Springview. Daardoor had EXMAR niet langer de controle over de WARIBOKO-bedrijven Springmarine Nigeria, Electra Offshore en Exview Hong Kong. De activa en passiva van deze voormalige dochtermaatschappijen werden gedeconsolideerd. De resterende investeringen werden opnieuw tegen reële waarde gewaardeerd en geconsolideerd volgens de vermogensmutatiemethode.
Een andere verklaring betreft de engineering services van EXMAR Offshore dewelke een verminderde activiteit ondervonden gedurende het boekjaar.
De meerwaarde op de realisatie van activa houdt voornamelijk verband met de WARIBOKO-transactie. Als gevolg van deze transactie werd een winst van USD 0,9 miljoen geregistreerd in de resultatenrekening (zie ook de toelichting onder omzet).
De overige bedrijfsinkomsten stegen in vergelijking met 2015 met USD 22,9 miljoen. Deze verhoging houdt deels verband met de transactie betreffende de de pressurized vloot.
Einde juni 2016 bereikte EXMAR een akkoord voor de aankoop van 50% van de LPG-vloot met druktanks die eigendom was van Wah Kwong. Als resultaat van deze transactie steeg het aandeel van EXMAR in de vloot met druktanks van 50% naar 100% en de bedrijven die bij deze transactie betrokken waren, werden integraal geconsolideerd in de geconsolideerde rekeningen per 31 december 2016 in plaats van als joint ventures opgenomen te worden volgens de vermogensmutatie methode. De verkrijging van de resterende 50% van de pressurized vloot resulteerde in een badwill van USD 14,3 miljoen, die opgenomen werd onder de overige bedrijfsopbrengsten. Ook de beeïndigingsvergoeding van USD 9,0 miljoen betaald door Pacifi c Exploration and Production ("PEP") als gevolg van de verbreking van de tollingovereenkomst voor de Caribbean FLNG heeft bijgedragen tot de verhoging van de overige bedrijfsinkomsten.
De bedrijfskosten daalden in vergelijking met 2015 met USD 14,5 miljoen, voornamelijk als gevolg van het geannuleerde DC LNG-project, dat in de resultatenrekening opgenomen werd in 2015 (USD 12,9 miljoen).
Het aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen en joint ventures bedraagt USD 34,6 miljoen (USD 35,2 miljoen in 2015, waaronder een non-cash bijzondere waardevermindering op de vloot met druktanks ten bedrage van USD 14,0 miljoen).
De schepen vertegenwoordigen een bedrag van USD 115,5 miljoen en hebben betrekking op de LPG-vloot met druktanks (zie ook de bovenstaande uitleg m.b.t. overige bedrijfsopbrengsten).
De activa in aanbouw bedragen USD 162,8 miljoen en betreffen de betalingen voor de Caribbean FLNG en de FSRU.
De investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures bestaan uit ons aandeel in de verschillende joint ventures en geassocieerde ondernemingen en joint ventures. De stijging in vergelijking met 2015 is voornamelijk te verklaren door de WARIBOKO-transactie (zie ook de bovenstaande uitleg m.b.t. de meerwaarde op de realisatie van activa).
De leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures omvatten de aandeelhoudersleningen aan onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures in de segmenten LPG, LNG en offshore. De daling in vergelijking met 2015 is grotendeels het gevolg van de transactie betreffende de vloot met druktanks (zie ook de bovenstaande uitleg m.b.t. de overige bedrijfsopbrengsten). Verder is de daling ook het gevolg van gedane terugbetalingen door onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures met betrekking tot deze aandeelhoudersleningen.
De nettokaspositie (geldmiddelen en kasequivalenten verminderd met rekening-courantschuld bij fi nanciële instellingen) op 31 december 2016 bedroeg 121,1 miljoen (USD 130 miljoen in 2015). De aan restricties onderhevige geldmiddelen hebben betrekking op overeenkomsten m.b.t. kredietfaciliteiten en fi nanciële instrumenten en bedroegen in totaal USD 34,9 miljoen per 31 december 2016 (USD 42,3 miljoen in 2015).
Het eigen vermogen per 31 december 2016 bedroeg USD 432,7miljoen (2015: USD 404,8 miljoen). Deze stijging in 2016 wordt voornamelijk veroorzaakt door het netto effect van de winst voor 2016 en de in 2016 betaalde dividenden.
De fi nanciële schuld bedroeg per 31 december 2016 USD 469,7 miljoen, een stijging met USD 57,2 miljoen tegenover 2015. De fi nanciële schuld steeg voornamelijk naar aanleiding van de transactie betreffende de vloot met druktanks (zie ook de bovenstaande uitleg m.b.t. overige bedrijfsopbrengsten), gecompenseerd door terugbetalingen op de bestaande faciliteiten. Aangezien de NOK-obligatielening vervalt in juli 2017, werd deze obligatielening in de balans weergegeven als een kortetermijnlening (USD 115,5 miljoen).
De netto negatieve marktwaarde van fi nanciële instrumenten bedroeg USD 36,2 miljoen op 31 december 2016 en werd eveneens weergegeven op korte termijn aangezien de fi nanciële instrumenten verbonden zijn aan de cross-currency renteswaps die aangegaan zijn in de context van de NOK-obligatielening.
De risico's en onzekerheden worden beschreven in de Corporate Governance Verklaring.
De in deze categorie uitgevoerde of geplande activiteiten staan beschreven in het eerste gedeelte wat samen gelezen moet worden.
Per 31 december 2016 stelde EXMAR wereldwijd 1.862 personen te werk, onder wie 1.628 zeevarenden (2015: 1.901, onder wie 1.557 zeevarenden).
Op 20 mei 2014 machtigde de buitengewone Algemene Vergadering de Raad van Bestuur om eigen aandelen in te kopen, en werd de machtiging van de Raad van Bestuur vernieuwd om in het geval van een overnamebod op de aandelen van EXMAR NV over te gaan tot een kapitaalverhoging volgens de bepalingen en binnen de beperkingen van artikel 607 van het Wetboek van Vennootschappen. De Raad van Bestuur is gemachtigd om deze maatregelen te nemen indien de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) de vennootschap binnen de drie jaar na de datum van de bovenvermelde buitengewone Algemene Vergadering in kennis stelt van een overnamebod.
Per 31 december 2016 had EXMAR 2.677.433 eigen aandelen, wat overeenkomt met 4,49% van het totale aantal uitgegeven aandelen.
Er werden geen eigen aandelen verworven in 2016.
De Raad van Bestuur heeft tot op heden tienmaal beslist een aantal werknemers van de EXMAR Groep opties op bestaande aandelen aan te bieden.
Op basis van de aanbevelingen van het benoemings- en remuneratiecomité besliste de Raad van Bestuur over 2016 geen aandelenopties toe te kennen.
| DATUM AANBOD 15.12.2004 65.378 Tussen 01.04.08 en 15.10.2017 () 6,12 (°) 09.12.2005 312.705 Tussen 01.01.09 en 15.10.18 () 10,73 (°) 15.12.2006 396.855 Tussen 01.01.10 en 15.10.19 () 15,96 (°) 04.12.2007 224.529 Tussen 01.01.11 en 15.10.20 () 14,64 (°) 29.12.2009 188.272 Tussen 01.01.2013 and 28.12.2017 4,85 (°) 09.12.2010 225.345 Tussen 01.01.2014 en 28.12.2018 4,71 (°) 03.12.2013 515.100 Tussen 01.01.17 en 02.12.2021 10,54 02.12.2014 422.850 Tussen 01.01.18 en 02.12.2022 10,54 04.12.2015 415.250 Tussen 01.01.19 en 03.12.2023 9,62 |
AANTAL UITSTAANDE OPTIES |
UITOEFENPERIODE | UITOEFENPRIJS IN EURO |
|
|---|---|---|---|---|
(*) De Raad van Bestuur van 23 maart 2009 besliste de oorspronkelijke uitoefenperiode voor de eerste vier optieplannen met 5 jaar te verlengen, dit in toepassing van de beslissing van de Belgische regering om de wet van 26 maart 1999 en meer bepaald de optieplannen te hernieuwen.
(°) Als gevolg van de kapitaalverhoging van november 2009, de dilutiebescherming en het extra dividend van mei 2012 werden het aantal en de uitoefenprijs van de aandelenopties gewijzigd.
Plan 5 werd uit de tabel weggelaten aangezien het plan eindigde eind 2016. 77.811 opties werden hiervan uitgeoefend gedurende het jaar 2016.
De waarderingsgrondslagen toegepast bij het afsluiten van de jaarrekening verschillen niet van de waarderingsgrondslagen die in het voorgaande boekjaar werden toegepast.
De samenvatting van de waarderingsgrondslagen wordt aan de jaarrekening gehecht.
De belangrijkste gebeurtenissen na de afsluiting van het boekjaar 2016 worden beschreven in toelichting 36 bij de geconsolideerde jaarrekening.
Naast haar hoofdkantoor in Antwerpen (België) heeft EXMAR kantoren in Hongkong, Houston, Londen, Limassol, Luxemburg, Mumbai, Parijs, Singapore, Nederland, Lagos en Livorno.
EXMAR heeft bijkantoren in Shanghai, Angola en Tripoli.
De commissaris heeft tijdens het voorbije boekjaar geen uitzonderlijke activiteiten of speciale opdrachten verricht, behalve de uitbetaling van het interimdividend en de rapportering bij de verplichte verkoop van effecten krachtens de wet van 14 december 2005 en de uitgevoerde werkzaamheden met betrekking tot werkkapitaal staten.
De langetermijnvisie die eigen is aan de activiteit van EXMAR gaat gepaard met langlopende fi nancieringen, en dus ook met een blootstelling aan variabele rentevoeten. EXMAR beheert deze blootstelling op een actieve manier en indien nodig door middel van diverse instrumenten ter indekking van stijgende rentevoeten, dit voor een beduidend gedeelte van de schuldportefeuille.
In 2014 heeft EXMAR met succes een bevoorrechte, niet-gegarandeerde obligatielening van NOK 700 miljoen uitgegeven en in 2015 voor nog eens NOK 300 miljoen. De blootstelling aan variabele rentevoeten (3m NIBOR) en aan NOK/USD (NOK 1.000 miljoen) wordt door middel van een cross-currency renteswap beheerd.
EXMAR werkt in USD maar heeft jaarlijks bepaalde kosten in euro te voldoen. De blootstelling aan EUR/USD wordt indien nodig beheerd door middel van dekkingsinstrumenten. Op datum van dit verslag heeft EXMAR geen indekking van de blootstelling aan EUR/USD.
Er waren tijdens de vergadering van de Raad van Bestuur en op het niveau van het directiecomité geen belangenconfl icten.
Ondanks de slechtere marktvoorwaarden blijft EXMAR LPG genieten van een aanzienlijke contractenportefeuille en kwaliteitsvolle activiteiten.
De VLGC-inkomsten daalden gevoelig in 2016 in vergelijking met het jaar ervoor. De verwachtingen voor 2017 blijven moeilijk door de pessimistische vooruitzichten van de productmarkt en de verwachte levering van 23 nieuwe VLGC's in 2017. EXMAR heeft slechts één VLGC in gebruik: de BW TOKYO. Dit schip is in gebruik sinds het opnieuw geleverd werd op basis van verlengingen voor korte periodes.
In het Midsize-segment hebben er belangrijke veranderingen plaatsgevonden in 2016. Een moeilijke prijsstelling van de producten en een verhoogd aanbod van schepen (18% gegroeid in 2016) hebben geleid tot een sterke daling in de inkomsten vanaf de eerste helft van 2016. Nog 14 MGC's zullen op de markt gebracht worden in 2017. De indekking van de Midsize vloot is 70% voor 2017 en 45% voor 2018. De zwakkere spotmarkt zal echter een negatieve invloed hebben op de bijdrage van de MGC-vloot in 2017.
De indekking van de vloot met druktanks is 90% voor 2017 en 15% voor 2018.
De bestaande LNG-vloot en LNG-hervergassingsvloot heeft in 2016 gepresteerd in overeenstemming met haar tijdbevrachtingscontracten en hetzelfde wordt verwacht voor 2017, met uitzondering van de EXCEL, die ingezet wordt op basis van een contract van korte duur voor maximaal één jaar aan de huidige lage markttarieven voor stoomschepen.
De inbedrijfstelling van de CARIBBEAN FLNG (CFLNG) werd met succes voltooid en de defi nitieve oplevering vond plaats op 31 januari 2017. Er is een akkoord bereikt over bijkomende ondersteuning van Wison Shipyard tijdens de periode dat het schip op de werf ligt totdat het naar de plaats van gebruik gebracht wordt. De levering zal plaatsvinden vóór eind april 2017, wanneer de laatste schijf (USD 200,5 miljoen) aan de werf betaald dient te worden. Gedurende 2016 werd de vorige fi nancieringsovereenkomst met ICBC stop gezet. Onmiddellijk na deze stopzetting is EXMAR onderhandelingen gestart met de Bank van China (BoC). In november 2016 werd er een intentieverklaring ondertekend met de BoC en de voorwaarden werden goedgekeurd door de krediet comités van de BoC in december
2016 en januari 2017. Nadien heeft EXMAR de documentatie gefi naliseerd dewelke beide partijen in staat stelt om de kredietovereenkomst te tekenen. De fi nale ondertekening van de kredietovereenkomst met de BoC is onderhevig aan de goedkeuring van de kredietverzekeraar, Sinosure. EXMAR verwacht dat deze goedkeuring beschikbaar zal zijn midden april 2017. Er zijn gesprekken aan de gang met verschillende partijen over het toekomstige gebruik van het schip; er worden echter geen inkomsten verwacht vóór begin 2018.
De bouw van het FSRU-platform gaat volop door na enige vertraging in 2015. Het platform werd gelanceerd in januari 2017 en de oplevering wordt voorzien voor midden 2017, wanneer de laatste schijf (USD 83,6 miljoen) betaald dient te worden. Drie commerciële leads worden actief opgevolgd; hiervoor wordt verwacht dat de mobilisatie en inbedrijfstelling ter plaatse zullen plaatsvinden na de oplevering op de werf. Tegelijk met de onderhandelingen over het inzetten van het schip wordt er fi nanciering gezocht. Er werd al interesse getoond door verschillende fi nanciers.De gesprekken van EXMAR en VOPAK over de mogelijke verkrijging door VOPAK van het aandeel van EXMAR in haar drijvende LNG-opslag en -hervergassingsactiviteiten (FRSU's) gingen van start in september 2016 en leidden tot een akkoord met betrekking tot de verkrijging van EXMAR's FSRU-activiteiten door VOPAK en samenwerking tussen EXMAR en VOPAK in toekomstige projecten.
Dit akkoord is afhankelijk van de vervulling van bepaalde voorwaarden en toestemmingen van verschillende belanghebbenden. EXMAR en VOPAK werken aan de uitvoering van deze transactie. Het is niet duidelijk wanneer deze afgesloten zal worden.
Sinds de piek in de prijs van ruwe olie in de zomer van 2014 is de olieprijs naar zijn laagste peil gezakt in februari 2016. Het gevolg van deze spectaculaire daling van de olieprijs is dat de diepzeeactiviteiten praktisch tot stilstand gekomen zijn in 2016. Het was pas in de tweede helft van 2016 dat oliemaatschappijen begonnen met het sluiten van contracten met aannemers en leveranciers om te beginnen met de eerste werken voor nieuwe projecten.
Het tijdbevrachtingscontract van WARIBOKO aan TOTAL Nigeria werd verlengd tot eind 2017. Het accommodatieplatform NUNCE blijft minstens tot eind 2019 in gebruik door SONANGOL. De KISSAMA werd eind 2016 teruggebracht na een langdurig contract in Angola en wordt verwacht te worden verkocht in april 2017.
In 2016 breidde EXMAR SHIPMANAGEMENT het aantal schepen en drijvende mariene infrastructuur in haar beheer verder uit tot 46. De resultaten blijven een positieve trend vertonen en de verwachtingen voor 2017 blijven eveneens positief.
Het jaar 2016 begon zeer goed voor TRAVEL PLUS, maar de tragische gebeurtenissen van 22 maart 2016 hebben een grote invloed gehad op het luchtverkeer. Dankzij een sterk herstel tijdens de laatste vier maanden kon TRAVEL PLUS een hogere omzet en nettoresultaat bereiken in 2016 en betere vooruitzichten voor 2017.
BELGIBO realiseerde een sterke omzetgroei in 2016 voor de activiteiten Industrie, Terminalverzekeringen en Werknemersvoordelen. De bijdrage van Luchtvaart en Maritieme Diensten daarentegen stelde teleur. De verwachtingen voor 2017 blijven positief.
In juli 2014 werd een bevoorrechte, niet-gegarandeerde obligatielening van NOK 700 miljoen uitgegeven (geswapt naar USD 114,0 miljoen). In 2015 werd een tweede tranche, voor een bedrag van NOK 300 miljoen, uitgegeven en aan de oorspronkelijke obligatielening van NOK 700 miljoen toegevoegd (geswapt naar USD 38,0 miljoen). Het totale nominale bedrag van NOK 1.000,0 miljoen (USD 152,0 miljoen) vervalt in juli 2017. EXMAR is actief op zoek naar verschillende alternatieven voor de herfi nanciering van deze lening.
De volledige informatie die overeenkomstig artikel 96, tweede lid, van het Wetboek van Vennootschappen in onderhavig jaarverslag dient te worden opgenomen en meer bepaald de verklaring inzake deugdelijk bestuur en de bepalingen van artikel 34 van het koninklijk besluit van 14 november 2007 is weergegeven onder het hoofdstuk "Corporate Governance Verklaring" onder het hoofdstuk "Risicofactoren" en door referentie daarnaar opgenomen in onderhavig jaarverslag.
Wij verzoeken de Algemene Vergadering van aandeelhouders dit verslag voor het jaar eindigend op 31 december 2016 in zijn geheel goed te keuren en het resultaat te bestemmen zoals bepaald in dit verslag. Wij verzoeken de vergadering ook om kwijting te verlenen aan de bestuurders en de commissaris voor de uitoefening van hun mandaat tijdens bovenvermeld boekjaar.
Het mandaat van de heer Howard Gutman, de heer Ludwig Criel en de heer Baron Philippe Vlerick loopt af op de Algemene Vergadering.
Het mandaat van de commissaris van EXMAR, KPMG Bedrijfsrevisoren CVBA (vertegenwoordigd door de heer Serge Cosijns), zal afl open op de volgende jaarlijkse aandeelhoudersvergadering. EXMAR heeft een openbare aanbestedingsprocedure uitgeschreven voor de wettelijke controle over de boekjaren 2017 tot 2019.
De commissaris zal aangesteld worden door de aandeelhouders op de Algemene Vergadering op voorstel van de Raad van Bestuur.
De Raad van Bestuur 30 maart 2017
| Toelichting | 31/12/2016 | 31/12/2015 | |
|---|---|---|---|
| ACTIVA | |||
| VASTE ACTIVA | 776.539 | 684.687 | |
| Schepen | 278.299 | 168.991 | |
| Schepen | 11 | 115.471 | 17.194 |
| Schepen in aanbouw | 11 | 162.828 | 151.797 |
| Andere materiële vaste activa | 12 | 3.079 | 4.104 |
| Immateriële activa | 13 | 3.651 | 2.368 |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 14 | 147.598 | 132.816 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 16 | 343.912 | 376.408 |
| VLOTTENDE ACTIVA | 223.425 | 241.425 | |
| Voor verkoop beschikbare beleggingen | 17 | 3.608 | 3.487 |
| Handels- en overige vorderingen | 18 | 62.723 | 64.669 |
| Actuele belastingvorderingen | 1.107 | 968 | |
| Geblokkeerde kasequivalenten (*) | 20 | 34.891 | 42.332 |
| Kas en kasequivalenten (*) | 20 | 121.096 | 129.969 |
| TOTALE ACTIVA | 999.964 | 926.112 | |
| EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | |||
| EIGEN VERMOGEN | 432.684 | 404.804 | |
| Kapitaal en reserves | 432.469 | 404.614 | |
| Kapitaal | 21 | 88.812 | 88.812 |
| Uitgiftepremies | 21 | 209.902 | 209.902 |
| Reserves | 21 | 97.969 | 94.689 |
| Resultaat van het boekjaar | 21 | 35.786 | 11.211 |
| Minderheidsbelang | 215 | 190 | |
| VERPLICHTINGEN OP LANGE TERMIJN | 337.269 | 445.621 | |
| Rentedragende leningen | 23 | 329.590 | 397.425 |
| Personeelsbeloningen | 25 | 4.267 | 4.445 |
| Voorzieningen | 26 | 2.434 | 2.522 |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten | 28 | 0 | 41.229 |
| Uitgestelde belastingsverplichtingen | 19 | 978 | 0 |
| VERPLICHTINGEN OP KORTE TERMIJN | 230.011 | 75.687 | |
| Rentedragende leningen | 23 | 140.147 | 15.161 |
| Handels- en overige schulden | 27 | 51.244 | 55.815 |
| Te betalen winstbelastingen | 2.438 | 4.711 | |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten | 28 | 36.182 | 0 |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 999.964 | 926.112 |
De toelichting maakt integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.
(*) De presentatie van kas en kasequivalenten met betrekking tot 2015 werd gewijzigd. Het bedrag van USD 172,3 miljoen werd opgesplitst in geblokkeerde kasequivalenten en kas en kasequivalenten.
| 31/12/2016 31/12/2015 GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN Opbrengsten 4 96.026 112.220 Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa 4 1.026 110 Overige bedrijfsopbrengsten 4 26.106 3.261 BEDRIJFSOPBRENGSTEN 123.158 115.591 Diensten en diverse goederen -66.490 -80.986 Personeelskosten 6 -47.004 -51.468 Afschrijvingen en waardeverminderingen 11/12/13 -6.784 -5.174 Voorzieningen 26 88 -134 Verlies gerealiseerd bij verkoop van vaste activa 0 -47 Overige bedrijfskosten 5 -1.979 -6.753 RESULTAAT UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN 989 -28.971 Intrestopbrengsten 7 24.861 23.037 Intrestkosten 7 -15.907 -12.952 Andere fi nanciële opbrengsten 7 1.478 7.346 Andere fi nanciële kosten 7 -10.741 -8.523 NETTOFINANCIERINGSKOSTEN/ OPBRENGSTEN -309 8.908 RESULTAAT VOOR BELASTINGEN EN VOOR AANDEEL IN HET RESULTAAT IN 680 -20.063 GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en joint ventures. na belastingen 14 34.572 35.180 RESULTAAT VOOR BELASTING 35.252 15.117 Belastingen op het resultaat 8 566 -3.872 RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR 35.818 11.245 TOE TE REKENEN AAN: Minderheidsbelang 32 34 Aandeelhouders van de vennootschap 35.786 11.211 RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR 35.818 11.245 WINST PER AANDEEL (IN USD) 0,63 0,20 22 VERWATERDE WINST PER AANDEEL (IN USD) 22 0,63 0,20 GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR 35.818 11.245 POSTEN DIE VIA DE VERLIES- EN WINSTREKENING ZIJN OF KUNNEN VERWERKT WORDEN: Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures. aandeel in niet gerealiseerde 7 3.304 -1.627 resultaten Omrekeningsverschillen 7 -550 -2.607 Omrekeningsverschillen verwerkt via de verlies-en winstrekening 7 0 1.863 Wijziging in de reële waarde van cashfl owafdekkingen - hedge accounting 7 2.408 -1.598 Voor verkoop beschikbare beleggingen - wijzigingen in de reële waarde 7 0 -4.854 Voor verkoop beschikbare beleggingen - via de verlies- en winstrekening verwerkt 7 3.973 0 9.135 -8.823 POSTEN DIE NOOIT VIA DE VERLIES- EN WINSTREKENING ZULLEN VERWERKT WORDEN: Herwaardering van toegezegde pensioenverplichting (actief) 25 -15 1.087 TOTAAL VAN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN VAN DE PERIODE (NA BELASTINGEN) 9.120 -7.736 TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN 44.938 3.509 WAARVAN: Minderheidsbelang 25 15 Aandeelhouders van de vennootschap 44.913 3.494 |
01/01/2016 - | 01/01/2015 - | ||
|---|---|---|---|---|
| Toelichting | ||||
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | 44.938 | 3.509 |
De toelichting maakt integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.
| 01/01/2016 - | 01/01/2015 - | ||
|---|---|---|---|
| Toelichting | 31/12/2016 | 31/12/2015 | |
| BEDRIJFSACTIVITEITEN | |||
| Resultaat van het boekjaar | 35.818 | 11.245 | |
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en joint ventures. na belastingen | 14 | -34.572 | -35.180 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 11/12/13 | 6.784 | 5.174 |
| Waardevermindering voor verkoop beschikbare beleggingen | 7 | 3.844 | 0 |
| Badwill pressurized vloot transactie | 9 | -14.343 | 0 |
| Herwaardering minderheidsbelang CMC Belgibo | 9 | -800 | 0 |
| Inresultaatname uitgestelde fi nancieringskosten ICBC | 23 | 4.465 | 0 |
| Netto-intrest opbrengsten | 7 | -8.954 | -10.085 |
| Belastingen op het resultaat | 8 | -566 | 3.872 |
| Verliezen/winsten uit de realisatie van vaste activa | 4 | -1.026 | -63 |
| Ontvangen dividenden | 7 | -127 | -417 |
| Niet-gerealiseerd koersverschil | 7 | -296 | -2.107 |
| Lasten in verband met in aandelen afgewikkelde transacties (aandelenoptieplan) | 24 | 1.557 | 951 |
| BRUTO KASSTROOM UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | -8.216 | -26.610 | |
| Stijging/daling van de handels- en overige vorderingen | 1.552 | 5.513 | |
| Stijging/daling van de handels- en overige schulden | -7.567 | 9.094 | |
| Stijging/daling van de voorzieningen en pensioenverplichtingen | -144 | 69 | |
| NETTO KASSTROOM UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | -14.375 | -11.934 | |
| Betaalde intresten | -14.038 | -12.824 | |
| Ontvangen intresten | 22.898 | 22.514 | |
| Betaalde belastingen | -361 | -2.351 | |
| KASSTROOM UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | -5.876 | -4.595 | |
| INVESTERINGSACTIVITEITEN | |||
| Investeringen in schepen en schepen in aanbouw | 11 | -11.031 | -62.708 |
| Investeringen in andere materiële activa | 12 | -284 | -989 |
| Investeringen in immateriële activa | 13 | -213 | -571 |
| Inkomsten uit de verkoop van schepen en andere materiële vaste activa (incl aangehouden voor verkoop) |
156 | 384 | |
| Investering in dochterondernemingen. geassocieerde ondernemingen. joint ventures en andere fi nanciële vaste activa |
9 | -5.185 | 0 |
| Wijziging in consolidatie scope (*) | -677 | 0 | |
| Dividenden ontvangen van investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 14 | 34.067 | 88.642 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 16 | -5.239 | -1.512 |
| Terugbetalingen van leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 16 | 18.774 | 45.315 |
| KASSTROOM UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN | 30.368 | 68.561 | |
| FINANCIERINGSACTIVITEITEN | |||
| Dividenduitkeringen aan de aandeelhouders | 21 | -19.259 | -25.453 |
| Ontvangen dividenden | 7 | 127 | 417 |
| Aankoop van eigen aandelen | 21 | 0 | -5.292 |
| Verkoop van eigen aandelen en uitgeoefende aandelenopties | 21 | 585 | 1.370 |
| Nieuwe leningen | 23 | 100 | 40.020 |
| Terugbetaling van leningen | 23 | -21.716 | -14.774 |
| Stijging/ daling in geblokkeerde kasequivalenten (**) | 20 | 7.441 | -18.054 |
| KASSTROOM UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN | -32.722 | -21.766 | |
| NETTO TOENAME/AFNAME IN KAS EN KASEQUIVALENTEN | -8.230 | 42.200 | |
| AANSLUITING VAN DE NETTO TOENAME/AFNAME IN KAS EN KASEQUIVALENTEN | |||
| Netto kas en kasequivalenten bij het begin van het boekjaar (**) | 129.969 | 88.554 | |
| Netto toename/afname in kas en kasequivalenten | -8.230 | 42.200 | |
| Wisselkoersfl uctuaties op kas en kasequivalenten | -643 | -785 | |
| NETTO KAS EN KASEQUIVALENTEN OP HET EINDE VAN HET BOEKJAAR | 20 | 121.096 | 129.969 |
De toelichting maakt integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.
(*) USD -7,4 miljoen heeft betrekking op de WARIBOKO transactie. USD +5,5 miljoen is gerelateerd aan de LPG pressurized vloot transactie en USD +1,2 miljoen heeft betrekking op de CMC Belgibo transactie.
(**) De presentatie van kas en kasequivalenten met betrekking tot 2015 werd gewijzigd. Het bedrag van USD 172,3 miljoen werd opgesplitst in geblokkeerde kasequivalenten en kas en kasequivalenten.
(in duizenden USD)
| Toelichting | Kapitaal | Uitgifte | |
|---|---|---|---|
| premies | |||
| MUTATIEOVERZICHT VAN HET EIGEN VERMOGEN PER 31 DECEMBER 2015 | |||
| 1 JANUARI 2015 | 88.812 | 209.902 | |
| GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | |||
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | |||
| Omrekeningsverschillen | 7 | ||
| Wijziging in de reële waarde van cash fl ow afdekkingen - hedge accounting | 7 | ||
| Wijziging in de reële waarde van de voor verkoop beschikbare beleggingen | 7 | ||
| Herwaardering van toegezegde pensioenverplichting (actief) | 25 | ||
| TOTAAL VAN DE NIET GEREALISEERDE RESULTATEN | 0 | 0 | |
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | 0 | 0 | |
| TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS | |||
| Dividenduitkeringen | 21 | ||
| Aandelenoptieplan | 24 | ||
| Uitgeoefende aandelenopties | |||
| Aankoop eigen aandelen | |||
| Op aandelen gebaseerd betalingen | |||
| TOTAAL TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS | 0 | 0 | |
| 31 DECEMBER 2015 | 88.812 | 209.902 |
| Toelichting | Kapitaal | Uitgifte premies |
|
|---|---|---|---|
| MUTATIEOVERZICHT VAN HET EIGEN VERMOGEN PER 31 DECEMBER 2016 | |||
| 1 JANUARI 2016 | 88.812 | 209.902 | |
| GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | |||
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | |||
| Omrekeningsverschillen | 7 | ||
| Omrekeningsverschillen - aandeel geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 7 | ||
| Wijziging in de reële waarde van cash fl ow afdekkingen - hedge accounting | 7 | ||
| Wijziging in de reële waarde van cash fl ow afdekkingen - hedge accounting - aandeel geassocieerde onder nemingen en joint ventures |
7 | ||
| Wijziging in de reële waarde van de voor verkoop beschikbare beleggingen | 7 | ||
| Wijziging in de reële waarde van de voor verkoop beschikbare beleggingen - verwerkt via de verlies- en winstrekening |
7 | ||
| Herwaardering van toegezegde pensioenverplichting (actief) | 25 | ||
| TOTAAL VAN DE NIET GEREALISEERDE RESULTATEN | 0 | 0 | |
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | 0 | 0 | |
| TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS | |||
| Dividenduitkeringen | 21 | ||
| Aandelenoptieplan | 24 | ||
| Uitgeoefende aandelenopties | |||
| Aankoop eigen aandelen | |||
| Op aandelen gebaseerd betalingen | |||
| TOTAAL TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS | 0 | 0 | |
| 31 DECEMBER 2016 | 88.812 | 209.902 |
De toelichting maakt integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.
| Overgedragen resultaat |
Reserve voor eigen aandelen |
Omrekenings reserve |
Reële waarde reserve |
Afdekkings reserve |
Reserve voor aan delen optieplan |
Totaal | Minderheids- belang |
Totaal eigen vermogen |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 184.110 | -53.769 | -8.845 | 881 | -1.329 | 9.825 | 429.587 | 175 | 429.762 |
| 11.211 | 11.211 | 34 | 11.245 | |||||
| -1.456 | -1.456 | -19 | -1.475 | |||||
| -2.494 | -2.494 | -2.494 | ||||||
| -4.854 | -4.854 | -4.854 | ||||||
| 1.087 | 1.087 | 1.087 | ||||||
| 1.087 | 0 | -1.456 | -4.854 | -2.494 | 0 | -7.717 | -19 | -7.736 |
| 12.298 | 0 | -1.456 | -4.854 | -2.494 | 0 | 3.494 | 15 | 3.509 |
| -25.453 | -25.453 | -25.453 | ||||||
| -3.039 | 4.938 | -572 | 1.327 | 1.327 | ||||
| -5.292 | -5.292 | -5.292 | ||||||
| 951 | 951 | 951 | ||||||
| -28.492 | -354 | 0 | 0 | 0 | 379 | -28.467 | 0 | -28.467 |
| 167.916 | -54.123 | -10.301 | -3.973 | -3.823 | 10.204 | 404.614 | 190 | 404.804 |
| Overgedragen resultaat |
Reserve voor eigen aandelen |
Omrekenings reserve |
Reële waarde reserve |
Afdekkings reserve |
Reserve voor aan delen optieplan |
Totaal | Minderheids- belang |
Totaal eigen vermogen |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 167.916 | -54.123 | -10.301 | -3.973 | -3.823 | 10.204 | 404.614 | 190 | 404.804 |
| 35.786 | 35.786 | 32 | 35.818 | |||||
| -543 | -543 | -7 | -550 | |||||
| 1.067 | 1.067 | 1.067 | ||||||
| 2.408 | 2.408 | 2.408 | ||||||
| 2.237 | 2.237 | 2.237 | ||||||
| 0 | 0 | |||||||
| 3.973 | 3.973 | 3.973 | ||||||
| -15 | -15 | -15 | ||||||
| -15 | 0 | 524 | 3.973 | 4.645 | 0 | 9.127 | -7 | 9.120 |
| 35.771 | 0 | 524 | 3.973 | 4.645 | 0 | 44.913 | 25 | 44.938 |
| -19.259 | -19.259 | -19.259 | ||||||
| -993 | 1.887 | -250 | 644 | 644 | ||||
| 0 | ||||||||
| 1.557 | 1.557 | 1.557 | ||||||
| -20.252 | 1.887 | 0 | 0 | 0 | 1.307 | -17.058 | 0 | -17.058 |
| 183.435 | -52.236 | -9.777 | 0 | 822 | 11.511 | 432.469 | 215 | 432.684 |
EXMAR nv (de "Onderneming") is een beursgenoteerde onderneming (Euronext-EXM) die in België gedomicilieerd is. De geconsolideerde jaarrekening van de Onderneming omvat de Onderneming, haar dochterondernemingen en de belangen van de Groep in geassocieerde ondernemingen en ondernemingen waarover gezamenlijke controle wordt uitgeoefend (gezamenlijk de "Groep" genoemd). De Groep is actief in de internationale scheepvaart.
De geconsolideerde jaarrekening wordt opgemaakt in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) uitgegeven door de International Accounting Standards Board (IASB) zoals aanvaard binnen de Europese Unie op 31 december 2016.
De geconsolideerde jaarrekening van de Groep houdt rekening met de impact van onderstaande nieuwe of herwerkte IFRS regels welke van toepassing zijn vanaf 1 januari 2016. Deze nieuwe standaarden en herwerkingen hebben geen signifi cante invloed gehad op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep.
Een aantal nieuwe standaarden, wijzigingen aan standaarden en interpretaties die per 31 december 2016 nog niet effectief waren, worden niet toegepast door de Groep bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening:
IFRS 9 Financiële Instrumenten, gepubliceerd in juli 2014, dient ter vervanging van de bestaande richtlijn zoals opgenomen in IAS 39 Financiële instrumenten: opname en waardering. IFRS 9 bevat herziene bepalingen ten aanzien van de classifi catie en waardering van fi nanciële instrumenten, met inbegrip van een nieuw model voor verwachte kredietverliezen ten behoeve van de berekening van de waardevermindering van fi nanciële activa, en de nieuwe algemene vereisten voor hedge accounting die hedge accounting verder aligneren met het risico management. Verder neemt IFRS 9 de bepalingen over uit IAS 39 voor het verwerken en niet langer verwerken van fi nanciële instrumenten. IFRS 9 is van kracht voor boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2018. Eerdere toepassing is toegestaan. Deze nieuwe standaard werd bekrachtigd door de EU. De Groep is niet van plan om deze standaard vervroegd toe te passen. De Groep past een allesomvattende benadering toe om de impact van de richtlijn te beoordelen door de huidige waarderingsregels te herbekijken om op die manier potentiële verschillen te identifi ceren als gevolg van het toepassen van de nieuwe richtlijn op de geconsolideerde cijfers.
IFRS 15 Opbrengsten uit contracten met klanten voorziet in een uitgebreid raamwerk om te bepalen of, hoeveel en wanneer opbrengsten moeten worden verantwoord. De standaard dient ter vervanging van de bestaande bepalingen voor het verwerken van opbrengsten, met inbegrip van IAS 18 Opbrengsten, IAS 11 Onderhanden projecten in opdracht van derden en IFRIC 13 Loyaliteitsprogramma's. IFRS 15 is van kracht voor boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2018. Eerdere toepassing is toegestaan. Deze nieuwe standaard werd bekrachtigd door de EU. Verduidelijkingen aan IFRS 15 Opbrengsten uit contracten met klanten (uitgegeven op 12 april 2016) werd nog niet bekrachtigd door de EU.
De Groep past een allesomvattende benadering toe om de impact van de richtlijn te beoordelen door de huidige waarderingsregels te herbekijken om op die manier potentiële verschillen te identifi ceren als gevolg van het toepassen van de nieuwe richtlijn op de geconsolideerde cijfers.
Een gedeelte van het inkomen van de Groep wordt gegenereerd door tijdsbevrachtingscontracten, waar omzet erkend wordt op een pro rata temporis basis over de termijn van het contract. De Groep is van mening dat de nieuwe richtlijn geen impact zal hebben op dit deel van de inkomsten van de Groep. Voor reis/ spot contracten, wordt omzet erkend van loshaven tot loshaven door het voltooiingspercentage te berekenen voor alle reis/ spotcontracten. De Groep beoordeelt momenteel in welke mate de nieuwe richtlijn een effect zal hebben op dit deel van de inkomsten van de Groep.
De Groep pleegt overleg met andere scheepsondernemingen over veronderstellingen, processen, systemen en controles aangaande omzeterkenning en toelichting onder de nieuwe richtlijn. De initiële inschatting van de Groep kan veranderen naar gelang de Groep de nieuwe standaard verder analyseert.
IFRS 16 Lease overeenkomsten: In januari 2016 publiceerde de IASB een nieuwe standaard over leaseovereenkomsten, van toepassing op jaarperioden die beginnen op of na 1 januari 2019. De standaard werd nog niet goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie. De standaard vervangt IAS 17 - leaseovereenkomst, IFRIC 4 - Vaststelling of een overeenkomst een leaseovereenkomst bevat, SIC 15 - Operationele leases – incentives en SIC 27 - Evaluatie van de economische realiteit van transacties in de juridische vorm van een leaseovereenkomst. IFRS 16 schrapt de classifi catie van leaseovereenkomsten tussen operationele en fi nanciële leaseovereenkomsten voor de leasingnemer een introduceert één enkel model voor boekhoudkundige verwerking van leaseovereenkomsten voor de leasingnemer. Alle overeenkomsten, behalve de kortlopende leaseovereenkomsten van minder dan twaalf maanden en de overeenkomsten met immateriële waarde, dienen in de balans geboekt te worden aan de contante waarde van de toekomstige minimale leasebetalingen. Deze worden getoond als een "right of use" actief in de balans van de leasingnemer. Leasebetalingen die worden betaald over de looptijd van het contract worden gepresenteerd als een fi nanciële schuld. In de winst-en verliesrekening dient de afschrijvingslast met betrekking tot het geleasde actief apart gepresenteerd te worden van de intrestlast op de fi nanciële verplichting. Voor leasinggevers zijn er geen substantiële veranderingen in deze nieuwe standaard IFRS 16. De leasinggever zal de leaseovereenkomsten blijven voorstellen als ofwel operationele ofwel fi nanciële leaseovereenkomsten. De boekhoudkundige verwerking van beide types van overeenkomsten voor de leasinggever blijft verschillend. De Groep onderzoek momenteel de impact dat de toepassing van deze nieuwe standaard zal hebben op de geconsolideerde jaarrekening. Er werd tot op heden geen kwantitatieve of kwalitatieve beoordeling gemaakt met betrekking tot de toepassing van IFRS 16.
De volgende nieuwe of gewijzigde standaarden zullen naar alle verwachting geen signifi cante invloed hebben op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep:
De Raad van Bestuur van 30 maart 2017 heeft de geconsolideerde jaarrekening goedgekeurd en de toestemming verleend tot publicatie ervan.
De geconsolideerde rekeningen worden opgemaakt in USD ingevolge de bekomen afwijking verleend door Financial Services and Markets Authority (FSMA) bij brief van 2 juli 2003, afgerond naar het dichtstbijzijnde duizendtal. USD is de functionele munt van de onderneming. De jaarrekening is opgesteld op basis van historische kostprijs, met uitzondering van de volgende materiële activa en verplichtingen dewelke zijn gewaardeerd tegen een alternatieve basis op iedere balansdatum: afgeleide fi nanciële instrumenten, fi nanciële activa tegen reële waarde met verwerking van de waardeveranderingen in de resultatenrekening, voor verkoop beschikbare fi nanciële activa en de netto pensioenvoorziening aangaande te bereiken doel plannen. De voor verkoop aangehouden vaste activa worden gewaardeerd aan de laagste waarde, hetzij de boekwaarde, hetzij de reële waarde verminderd met de verkoopkost.
Bij de opmaak van de jaarrekening in overeenstemming met IFRS is vereist dat de leiding beoordelingen, schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van de waarderingsregels en de gerapporteerde bedragen van activa en passiva, opbrengsten en kosten. De ramingen en de hiermee verbonden veronderstellingen zijn gebaseerd op historische gegevens en verschillende andere factoren die gegeven de omstandigheden als redelijk worden beschouwd. De uiteindelijke resultaten kunnen verschillen van deze ramingen.
De ramingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend herzien. Herzieningen van de ramingen worden verwerkt in de periode waarin de raming wordt herzien, op voorwaarde dat de herziening alleen op die periode betrekking heeft, of in de periode van de herziening en toekomstige periodes, indien de herziening zowel de huidige als toekomstige periodes treft.
Bij de opstelling van de jaarrekening heeft de Onderneming inschattingen en veronderstellingen gemaakt op het vlak van assumpties voor de bepaling van de reële waarde van het optieplan, de pensioenschuld, voorzieningen en risico's en de classifi catie van nieuwe leasingovereenkomsten en time charter overeenkomsten. Bovendien worden de economische levensduur en de residuele waarde van de schepen jaarlijks getoetst aan de realiteit.
Aangezien de marktwaarden van tweedehands schepen fl uctueren naargelang de evolutie van de vrachttarieven en de kostprijs van nieuwbouwschepen, geeft de boekwaarde van de schepen mogelijk niet de huidige marktwaarde weer. Historisch gezien zijn zowel vrachttarieven als kostprijzen van schepen cyclisch. Telkens er zich wijzigingen in omstandigheden of feiten voordoen die erop kunnen wijzen dat de boekwaarde van een vloot niet gerecupereerd zal worden, wordt de boekwaarde van die vloot bekeken in het kader van mogelijke afwaardering. De realiseerbare waarde van de vloot is de hoogste waarde van de reële waarde verminderd met de verkoopskosten en de gebruikswaarde. De reële waarde verminderd met de verkoopskosten wordt bepaald op basis van onafhankelijke waarderingsrapporten. De gebruikswaarde is gebaseerd op de verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tot hun huidige waarde. Om de inschatting van de toekomstige kasstromen te bepalen, wordt gebruik gemaakt van inschattingen van toekomstige vrachttarieven, operationele kosten van de schepen, verwachte levensduur van de vloot en de WACC. Deze inschattingen zijn gebaseerd op historische gegevens en toekomstverwachtingen. De directie is van mening, dat de inschattingen een betrouwbare basis zijn voor haar huidige beoordeling maar is zich bewust van de subjectiviteit en veranderlijkheid ervan. De schepen zijn voornamelijk gesitueerd binnen onze joint ventures.
Een aantal van de waarderingsregels en toelichtingen van de Groep vereisen de waardering aan reële waarde voor zowel fi nanciële als niet fi nanciële activa en verplichtingen. Voor de bepaling van de reële waarde gebruikt de Groep observeerbare markt gegevens voor zover als mogelijk. Reële waarden worden opgedeeld in verschillende niveaus in een reële waarde hiërarchie gebaseerd op de gebruikte input in de waarderingsmethoden:
De waarderingsregels werden consequent toegepast voor alle periodes opgenomen in deze geconsolideerde jaarrekening en voor alle in de consolidatie opgenomen groepsondernemingen.
Bedrijfscombinaties worden verwerkt op basis van de overnamemethode op overnamedatum, zijnde de datum waarop de zeggenschap overgaat naar de Groep.
Een bedrijf is een geïntegreerde set van activa en passiva dewelke in staat is om geleid te worden om een rendement te leveren aan investeerders (of andere eigenaars, leden of deelnemers) via dividenduitkering, lagere kosten of andere economische voordelen. Een bedrijf bestaat algemeen gezien uit inputs, processen toegepast op deze inputs en de mogelijkheid om outputs te creëren. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer de acquisitie ook de overname omvat van de lopende contracten inzake bevrachting, bemanning,…
De overgedragen vergoeding in de acquisitie wordt over het algemeen gemeten aan reële waarde, zowel als de identifi ceerbare netto verworven activa en aangegane verplichtingen. Enige goodwill dat ontstaat uit de acquisitie wordt jaarlijks getest voor een bijzondere waardevermindering. Indien het verschil negatief is, wordt onmiddellijk een boekwinst uit een voordelige koop in de winst- en verliesrekening opgenomen. Transactiekosten worden onmiddellijk ten laste genomen in de resultatenrekening, tenzij de kosten verband houden met de uitgifte van aandelen of obligaties.
De overgedragen vergoeding omvat geen bedragen in verband met de afwikkeling van bestaande relaties.
De reële waarde van een voorwaardelijke vergoeding wordt op overnamedatum opgenomen. Indien die voorwaardelijke vergoeding wordt geclassifi ceerd als eigen vermogen, vindt geen latere herwaardering plaats en wordt de afwikkeling verantwoord binnen het eigen vermogen. In het andere geval worden wijzigingen na eerste opname in de winst- en verliesrekening opgenomen.
De dochterondernemingen zijn die welke door de Groep worden gecontroleerd. Controle bestaat wanneer de onderneming is blootgesteld aan, dan wel recht heeft op, variabele rendementen en het vermogen heeft die rendementen te beïnvloeden aan de hand van haar controle over de entiteit.
De fi nanciële staten van de dochterondernemingen worden integraal in de consolidatie opgenomen vanaf de datum van verwerving tot het einde van de controle. Alle openstaande posten en opbrengsten en kosten, niet gerealiseerde winsten en verliezen en dividenden die het resultaat zijn van transacties tussen ondernemingen van de Groep worden volledig geëlimineerd.
Bij verlies van zeggenschap worden de activa en verplichtingen van de dochteronderneming, eventuele minderheidsbelangen en overige met de dochteronderneming samenhangende vermogenscomponenten niet langer in de balans opgenomen. Het eventuele overschot of tekort op het verlies van zeggenschap wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening. Indien de Groep een belang behoudt in de voormalige dochteronderneming, wordt dat belang tegen de reële waarde verantwoord vanaf de datum dat niet langer sprake was van zeggen¬schap. Het belang wordt na eerste opname verantwoord als een investering verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode of als fi nancieel actief beschikbaar voor verkoop, afhankelijk van de mate van behouden invloed.
Een geassocieerde onderneming is een onderneming waarin de Onderneming een invloed van betekenis, doch geen controle heeft op het fi nanciële en operationele beleid. Een invloed van betekenis wordt verondersteld wanneer de Groep tussen 20 en 50% van de stemrechten bezit.
Een joint venture is een overeenkomst waarin de Groep gezamenlijke controle heeft en waar de Groep rechten heeft op het eigen vermogen van de overeenkomst rekening houdende met de rechten van de groep in de rechten en plichten van de overeenkomst.
De geassocieerde ondernemingen en joint ventures worden via de vermogensmutatiemethode opgenomen in de consolidatie en bij eerste opname gewaardeerd aan kostprijs. De kostprijs van de investering omvat transactiekosten. De investering van de Groep in de geassocieerde ondernemingen en joint ventures omvat de goodwill bepaald bij aanschaf, verminderd met eventuele cumulatieve bijzondere waardeverminderingen. De geconsolideerde jaarrekening omvat het aandeel van de Groep in het resultaat en in de bewegingen in het eigen vermogen van de geassocieerde ondernemingen en joint ventures, vanaf het moment dat deze belangrijke invloed of gezamenlijke controle ontstaat tot het moment dat deze invloed of gezamenlijke controle ophoudt.
Wanneer het aandeel van de Groep in het verlies van de geassocieerde onderneming of joint venture de investering in deze onderneming overstijgt, wordt de investering tot nul herleid, en wordt de erkenning van toekomstige verliezen gestaakt, behalve wanneer de Groep de verplichting heeft om betalingen te verrichten voor rekening van de geassocieerde onderneming of joint venture. In dit geval wordt deze verplichting eerst toegewezen aan andere elementen van de investering in de geassocieerde onderneming of joint venture (leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures). Indien de negatieve investering de totale investering overschrijdt, wordt een verplichting erkend voor het netto bedrag. Niet-gerealiseerde winsten uit hoofde van transacties met investeringen verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode worden geëlimineerd naar rato van het belang dat de Groep in de geassocieerde onderneming of joint venture heeft. Niet-gerealiseerde verliezen worden op dezelfde wijze geëlimineerd als niet-gerealiseerde winsten, maar slechts voor zover er geen aanwijzing is voor een bijzondere waardevermindering.
In de individuele ondernemingen worden de transacties in vreemde valuta omgerekend tegen de geldende wisselkoers op transactiedatum. Monetaire activa en passiva uitgedrukt in vreemde valuta op balansdatum worden omgezet naar USD tegen de wisselkoers op balansdatum. De niet-monetaire activa en passiva gewaardeerd aan historische kost worden omgerekend naar USD aan de koers van de initiële transactie. Niet-monetaire activa en passiva gewaardeerd tegen reële waarde worden omgerekend naar USD tegen de koers op moment ter bepaling van de reële waarde. Wisselkoerswinsten en –verliezen worden in de resultatenrekening geboekt, behalve voor de verschillen die voortvloeien uit de omzetting van de voor verkoop beschikbare beleggingen en kasstroomafdekkingen (voor zover deze afdekkingen effectief zijn), welke in het eigen vermogen worden erkend.
Activa en passiva van activiteiten in vreemde munt, met inbegrip van goodwill en reële waardeaanpassingen bij aanschaffi ng, worden omgerekend naar USD tegen de slotkoers op de balansdatum. Opbrengsten en kosten worden omgerekend in USD aan de transactiekoers (de gemiddelde wisselkoers van de betreffende periode wordt gehanteerd op voorwaarde dat deze koers niet te veel afwijkt van de transactiekoers). De wisselkoersverschillen die hieruit voortvloeien worden opgenomen in de rubriek "omrekeningsverschillen" in het eigen vermogen. Het bedrag dat toewijsbaar is aan minderheidsbelangen wordt opgenomen als deel van de minderheidsbelangen. Indien een buitenlandse activiteit wordt verkocht in die zin dat de Groep de zeggenschap, invloed van betekenis dan wel gezamenlijke zeggenschap verliest, wordt het in verband met deze buitenlandse activiteit cumulatief opgebouwde bedrag overgeboekt naar de winsten verliesrekening als onderdeel van de winst of het verlies bij de verkoop. Indien de Groep slechts een deel van het belang in een dochter die een buitenlandse activiteit omvat verkoopt terwijl de Groep wel zeggenschap houdt, wordt het betreffende evenredige aandeel in het cumulatieve bedrag toegerekend aan minderheidsbelangen. Indien de Groep slechts een deel van het belang in een geassocieerde deelneming of joint venture die een buitenlandse activiteit omvat verkoopt terwijl de Groep wel invloed van betekenis of gezamenlijke zeggenschap houdt, wordt het betreffende evenredige aandeel in het cumulatieve bedrag overgeboekt naar de winst- en verliesrekening.
Leningen en vorderingen en waarborgen worden initieel erkend op het moment van ontstaan. Alle andere fi nanciële activa worden erkend op transactiedatum. De Groep neemt een fi nancieel actief niet langer in de balans op wanneer het recht op de kasinstroom van dit actief vervalt of verkocht wordt in een transactie waarbij alle risico's en voordelen verbonden aan de eigendom van het actief overgegaan zijn naar de koper, of wanneer ze niet alle voordelen en risico's verbonden aan de eigendom van het actief verkoopt noch behoudt en controle verliest over het getransfereerde actief. Elke resterend belang in dergelijke getransfereerde fi nanciële activa dat gecreëerd of aangehouden wordt door de Groep wordt als afzonderlijk actief of passiva geboekt.
Financiële activa en passiva worden gecompenseerd enkel en alleen wanneer de Groep een wettelijk recht heeft om de bedragen te compenseren en van plan is om de fi nanciële activa en passiva op een netto basis af te wikkelen.
Een fi nancieel actief wordt geclassifi ceerd als gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeverandering in de resultatenrekening als het wordt aangehouden voor verkoop of aangemerkt als dusdanig bij eerste opname. Bij een eerste opname worden de bijhorende transactiekosten opgenomen in de resultatenrekening. Financiële vaste activa tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de resultatenrekening worden gewaardeerd tegen reële waarde en wijzigingen in de reële waarde worden opgenomen in de resultatenrekening.
Wanneer de Groep de intentie en de mogelijkheid heeft om beleggingen aan te houden tot aan de vervaldag dan worden deze beleggingen beschouwd als tot einde looptijd aangehouden beleggingen. Tot einde looptijd aangehouden fi nanciële activa worden initieel erkend aan reële waarde, verhoogd met direct toewijsbare aankoopkosten. Na eerste opname worden de tot einde looptijd aangehouden beleggingen gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve-rentemethode, verminderd met waardeverminderingen.
Leningen en vorderingen zijn fi nanciële activa met vaststaande of bepaalbare betalingen welke niet op een actieve markt genoteerd zijn. Deze fi nanciële activa worden initieel erkend aan reële waarde (in principe de transactieprijs), vermeerderd met direct toewijsbare transactiekosten. Na eerste opname worden de leningen en vorderingen gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve-rentemethode, verminderd met waardeverminderingen. Kas en kasequivalenten omvatten de beschikbare kas in contanten en de opvraagbare deposito's. Voorschotten in rekening-courant die op verzoek onmiddellijk opeisbaar zijn en integraal deel uitmaken van het kasstroombeheer van de Groep worden opgenomen als een component van de kas en kasequivalenten voor het kasstroomoverzicht.
Voor verkoop beschikbare beleggingen omvatten eigenvermogeninstrumenten welke niet voor verkoop worden aangehouden en niet worden aangehouden tot einde looptijd. Voor verkoop beschikbare beleggingen worden initieel opgenomen aan aanschaffi ngswaarde, verhoogd met direct toewijsbare transactiekosten, en nadien gewaardeerd aan reële waarde. Wijzigingen in reële waarde, andere dan waardeverminderingen, worden opgenomen in het eigen vermogen en gepresenteerd onder de reële waarde reserve. Bij verkoop ervan wordt de gecumuleerde winst of verlies uit het eigen vermogen naar de winst- en verliesrekening geboekt.
Bankschulden, obligatieleningen, doorlopende en andere kredietfaciliteiten worden initieel erkend op het moment van ontstaan. Alle andere fi nanciële verplichtingen worden initieel erkend op transactiedatum wanneer de Groep zich verbindt aan de contractuele bepalingen van het instrument. De fi nanciële verplichting wordt van de balans verwijderd wanneer de contractuele verplichtingen worden beëindigd of vervallen.
De Groep heeft de volgende niet-afgeleide fi nanciële verplichtingen: leningen, schulden in rekening courant bij de bank en handels- en overige schulden. Deze fi nanciële verplichtingen worden initieel erkend tegen reële waarde (in principe de transactieprijs voor handels- en overige schulden), verhoogd met direct toewijsbare transactiekosten voor de leningen. Na eerste opname worden deze fi nanciële verplichtingen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve-rentemethode.
Gewone aandelen maken deel uit van het eigen vermogen. Kosten verbonden aan de uitgifte van aandelen en aandelenopties worden, netto van tax effect, in mindering gebracht van het eigen vermogen. Wanneer de groep eigen aandelen koopt wordt het bedrag aan aankoopprijs, vermeerderd met direct toewijsbare aankoopkosten na belasting in mindering gebracht van het eigen vermogen. Bij de verkoop van eigen aandelen, wordt het ontvangen bedrag verwerkt als een verhoging van het eigen vermogen en het surplus of tekort op de transactie wordt opgenomen in het overgedragen resultaat.
De Groep maakt gebruik van afgeleide fi nanciële instrumenten voor het beheer van haar wisselkoers- en renterisico dat voortvloeit uit de operationele, fi nanciële en investeringsactiviteiten.
In contracten besloten derivaten worden afgescheiden van het basiscontract en afzonderlijk verwerkt op voorwaarde dat er geen nauw verband bestaat tussen de economische kenmerken en risico's van het basiscontract en het in het contract besloten derivaat, een afzonderlijk instrument met dezelfde voorwaarden als het in contract besloten derivaat zou voldoen aan de defi nitie van derivaat en het samengesteld instrument wordt niet verwerkt tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de resultatenrekening.
Bij aanvang documenteert de Groep op formele wijze de relatie tussen het afdekkingsinstrument en de afdekkingstransactie, inclusief de objectieven ter beheersing van het risico, de strategie met betrekking tot het aangaan van de transactie en de methodes die zullen worden gebruikt om de effectiviteit van de afdekkingsrelatie te testen. Bij aanvang én op periodieke basis maakt de Groep een inschatting van de effectiviteit van de afdekkingsinstrumenten in het afdekken van de wijzigingen in reële waarden of kasstromen van de afdekkingstransactie en dit tijdens de periode dat de afdekking is vastgesteld. De afdekkingsinstrumenten worden geacht effectief te zijn indien deze afdekking tussen de 80 en 125% bedraagt.
Afgeleide fi nanciële instrumenten worden aanvankelijk gewaardeerd aan reële waarde. Transactiekosten worden in de winst- en verliesrekeningen geboekt. Na aanvang worden de afgeleide fi nanciële instrumenten aan reële waarde geboekt. Wijzigingen in deze "reële" waarde worden algemeen gezien in de resultatenrekening geboekt behalve:
Wanneer een afgeleid fi nancieel instrument werd erkend als afdekkingsinstrument ter afdekking van variabiliteit in kasstromen met betrekking tot een welbepaald risico gelinkt aan erkende activa of passiva, wordt het effectieve deel van de wijziging in reële waarde in het eigen vermogen erkend als afdekkingsreserve. Het bedrag dat in het eigen vermogen werd opgenomen wordt in de resultatenrekening erkend op het moment dat de afgedekte kasstromen de resultatenrekening beïnvloeden. Het niet-effectieve deel van de wijziging in de reële waarde wordt onmiddellijk in de resultatenrekening erkend. Wanneer niet langer voldaan wordt aan de criteria voor afdekkingstransacties of wanneer het afdekkingsinstrument wordt uitgeoefend, beëindigd, verkocht of vervalt, wordt "hedge accouting" prospectief beëindigd. Het cumulatief bedrag dat voorheen werd erkend in het eigen vermogen wordt daar behouden totdat de afdekkingstransactie de resultatenrekening beïnvloedt. Wanneer de afdekkingstransactie niet langer verwacht wordt zich voor te doen, dan wordt het geaccumuleerde bedrag in het eigen vermogen verwerkt via de verlies-en winstrekening
Goodwill die voortvloeit uit de verwerving van dochterondernemingen wordt verantwoord onder immateriële activa.
Voor overnames op of na 1 januari 2010 bepaalt de Groep de goodwill bij acquisitie als de reële waarde van de overgedragen vergoeding, vermeerderd met het opgenomen bedrag van eventuele minderheidsbelangen in de overgenomen partij; plus indien de bedrijfscombinatie in fasen plaatsvindt, de reële waarde van het voorafgaande belang in de overgenomen partij; verminderd met het reeds erkende nettobedrag (over het algemeen de reële waarde) van de identifi ceerbare verworven activa en aangegane verplichtingen. Indien het verschil negatief is, wordt onmiddellijk een boekwinst uit een voordelige koop in de winst- en verliesrekening opgenomen. In de overgedragen vergoeding is geen bedrag begrepen voor de afwikkeling van bestaande relaties. Een dergelijk bedrag wordt in het algemeen in de winst- en verliesrekening opgenomen. Door de Groep gemaakte kosten in verband met een bedrijfscombinatie, niet zijnde kosten in verband met de uitgifte van aandelen of obligaties, worden opgenomen in de winst- en verliesrekening wanneer zij worden gemaakt. De reële waarde van een voorwaardelijke vergoeding wordt op overnamedatum opgenomen. Indien die voorwaardelijke vergoeding wordt geclassifi ceerd als eigen vermogen, vindt geen latere herwaardering plaats en wordt de afwikkeling verantwoord binnen het eigen vermogen. In het andere geval worden wijzigingen na eerste opname in de winst- en verliesrekening opgenomen.
Voor gedane overnames tussen 1 januari 2004 en 1 januari 2010 is goodwill het positieve verschil tussen de kostprijs van de acquisitie en het belang van de Groep in het opgenomen bedrag (over het algemeen de reële waarde) van de identifi ceerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen van de overgenomen partij. Indien het verschil negatief was, werd onmiddellijk een boekwinst uit een voordelige koop in de winst- en verliesrekening opgenomen. Door de Groep gemaakte transactiekosten in verband met een bedrijfscombinatie, niet zijnde kosten in verband met de uitgifte van aandelen of obligaties, werden opgenomen als onderdeel van de kostprijs van de overname.
Na aanvang wordt goodwill gewaardeerd aan kostprijs, verminderd met eventuele waardeverminderingen. Voor wat betreft de geassocieerde ondernemingen en joint ventures, wordt de boekwaarde van de goodwill opgenomen in de boekwaarde van de investering. Een bijzonder waardeverminderingsverlies op een dergelijke investering wordt toegerekend aan de boekwaarde van de investering verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode.
Kosten van onderzoek met betrekking tot de ontwikkeling van nieuwe technologische kennis worden in de resultatenrekening erkend wanneer zij worden gemaakt.
Er is sprake van ontwikkelingsactiviteiten wanneer een plan of ontwerp voor de productie van nieuwe producten of processen voor handen is. Kosten met betrekking tot ontwikkeling worden geactiveerd enkel als de kosten op een redelijke basis kunnen worden ingeschat, het product of proces commercieel en technisch realiseerbaar is, toekomstige kasinstromen waarschijnlijk zijn en de groep de intentie heeft om de ontwikkeling te voltooien en het actief te gebruiken of te verkopen en daartoe ook de nodige middelen heeft. Geactiveerde kosten van ontwikkeling worden gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingsverliezen.
Andere immateriële activa (o.a. software) door de Groep verworven, worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingsverliezen voor zover deze immateriële activa een beperkte gebruiksduur hebben. De afschrijvingen worden volgens de lineaire methode in de winst- en verliesrekening opgenomen gespreid over de geschatte gebruiksduur. Zij worden afgeschreven vanaf de datum dat ze beschikbaar zijn voor gebruik. Afschrijvingsmethodes, gebruiksduur en residuele waarden worden jaarlijks getoetst om na te gaan of ze nog gepast zijn.
Immateriële activa met een onbeperkte gebruiksduur of immateriële activa die nog niet beschikbaar zijn voor gebruik, worden jaarlijks onderworpen aan een bijzondere waardeverminderingstest.
Bijkomende kosten worden uitsluitend geactiveerd wanneer hierdoor de toekomstige economische voordelen toenemen die zijn besloten in het specifi eke actief waarop de uitgaven betrekking hebben. Alle overige uitgaven worden verwerkt in de resultatenrekening wanneer zij zich voordoen.
Materiële vaste activa worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingsverliezen. De aanschaffi ngswaarde omvat de uitgaven die direct verbonden zijn aan de aankoop van de betreffende activa. De aanschaffi ngswaarde voor zelf vervaardigde activa omvat de kostprijs van materialen, de rechtstreekse loonkost, andere kosten, direct toewijsbaar aan het gebruiksklaar maken van het activa en fi nancieringskosten die rechtstreeks zijn toe te rekenen aan de verwerving van de activa.
Bijkomende kosten met betrekking tot de materiële vaste activa worden enkel geactiveerd wanneer deze kosten resulteren in een toekomstig rendement en de kosten op een redelijke basis kunnen bepaald worden. Wanneer een onderdeel van materiële vaste activa wordt vervangen, wordt de vervangingskost geactiveerd en de netto boekwaarde van het vervangen deel uitgeboekt. Kosten met betrekking tot de dagdagelijkse werking van materiële vaste activa worden in de resultatenrekening opgenomen wanneer zij worden gemaakt.
Wanneer delen van materiële vaste activa een verschillende gebruiksduur hebben, worden ze als afzonderlijke delen erkend binnen het materiële vaste actief.
De afschrijvingen worden berekend op het afschrijfbaar bedrag, zijnde de kostprijs van het actief, verminderd met de residuele waarde.
Schepen of platformen in aanbouw worden apart geclassifi ceerd in de geconsolideerde balans onder schepen in aanbouw. Deze schepen in aanbouw worden niet afgeschreven, de afschrijvingen starten op het moment dat de schepen geleverd worden. Vanaf het moment van levering, worden de schepen niet langer opgenomen als schepen in aanbouw. Het ondernemingsmodel van de Groep is erop gericht om activa te verhuren of zelf te exploiteren.
Schepen worden lineair afgeschreven in overeenstemming met hun geschatte gebruiksduur binnen de Groep tot hun residuele waarde. Gasschepen LPG; 30 jaar Gasschepen LNG; 35 jaar Accommodatie platform 2e hands; 10-12 jaar
Accommodatieplatform nieuwbouw:
| - Romp, machines & dek uitrusting | 20 jaar |
|---|---|
| - Accommodatie | 10 jaar |
Droogdokkosten worden geactiveerd wanneer ze worden uitgevoerd en afgeschreven over de periode tot het volgende droogdok.
De overige materiële vaste activa worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de geschatte gebruiksduur van het actief. Terreinen worden niet afgeschreven.
De geschatte afschrijvingspercentages van de verschillende types activa zijn als volgt:
| Gebouwen: | 3% |
|---|---|
| Onroerende leasing: | 3% |
| Machines en uitrusting: | 20% |
| Meubilair: | 10% |
| Auto's: | 20% |
| Vliegtuig: | 10% |
| Informaticamaterieel: | 33% |
De afschrijvingsmethode, residuele waarde en gebruiksduur worden bij iedere jaarafsluiting opnieuw bekeken en aangepast indien nodig.
Leasingovereenkomsten waarbij de Groep vrijwel alle risico's en voordelen verbonden aan het eigendomsrecht van de betrokken activa op zich neemt, worden beschouwd als fi nanciële leasing. De activa, verworven onder de vorm van fi nanciële leasing, worden opgenomen voor een bedrag gelijk aan het laagste van de reële waarde en de actuele waarde van de minimale lease betalingen bij de aanvang van de leasingovereenkomst, nadien verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en de bijzondere waardeverminderingen. De afschrijvingsperiode stemt overeen met de geschatte gebruiksduur of met de looptijd van de leasingovereenkomst. Indien het niet zeker is dat de eigendom op het einde van het contract overgaat, dan wordt het actief volledig afgeschreven over de kortste termijn van geschatte gebruiksduur of looptijd van de leasingovereenkomst.
Vastgoedbeleggingen worden gewaardeerd tegen historische kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen. De afschrijvingen worden volgens de lineaire methode in winst- en verliesrekening gespreid over de geschatte gebruiksduur van de vastgoedbeleggingen.
Voor deze activa wordt op balansdatum beoordeeld of er objectieve aanwijzingen zijn voor bijzondere waardeverminderingsverliezen. Aanwijzingen voor bijzondere waardeverminderingen van deze activa worden door de Groep zowel op het niveau van individuele activa als op collectief niveau in aanmerking genomen. Bijzondere waardeverminderingen zullen opgenomen worden voor een fi nancieel actief indien objectieve criteria aantonen dat er een negatief element van toepassing is na de initiële erkenning van het actief op de balans en dit element een negatieve invloed heeft op toekomstige kasstromen van het actief die op redelijke wijze kunnen worden ingeschat. Indien de Groep van oordeel is dat er geen realistische vooruitzichten zijn op het realiseren van het actief, worden de betreffende
bedragen afgewaardeerd. Bij de beoordeling van de waardevermindering gebruikt de Groep historische trends met betrekking tot het tijdsbestek waarbinnen incassering plaatsvindt en de hoogte van gemaakte verliezen.
Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt berekend als het verschil tussen de boekwaarde van het actief en de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen, contant gemaakt tegen de oorspronkelijke effectieve rentevoet van het actief. Verliezen worden verwerkt in de winst- en verliesrekening en worden tot uitdrukking gebracht in een voorzieningsrekening. Als het bedrag van het bijzondere waardeverminderingsverlies afneemt en deze afname objectief kan worden gerelateerd aan een gebeurtenis die heeft plaatsgevonden na de verwerking van het bijzondere waardeverminderingsverlies, dan wordt het eerder verwerkte bijzondere waardeverminderingsverlies teruggenomen via de winst-en verliesrekening.
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op voor verkoop beschikbare fi nanciële activa worden opgenomen door overboeking van het geaccumuleerde verlies in de reële-waardereserve naar de winst- en verliesrekening. Een bijzondere waardevermindering wordt erkend in de verlies-en winstrekening wanneer er objectieve aanwijzingen zijn van waarderverlies als gevolg van één of meerdere gebeurtenissen die zich hebben voorgedaan na initiële erkenning. Het overgeboekte bedrag is het verschil tussen de verkrijgingsprijs, onder aftrek van eventuele afl ossingen van de hoofdsom en amortisaties, en de huidige reële waarde verminderd met een eventueel bijzonder waardeverminderingsverlies dat eerder is verwerkt in de winst- en verliesrekening. Als in een latere periode een stijging plaatsvindt van de reële waarde van een voor verkoop beschikbaar schuldinstrument dat eerder een bijzondere waardevermindering heeft ondergaan, en de stijging objectief in verband kan worden gebracht met een gebeurtenis die plaatsvond na de verwerking van het bijzondere waardeverminderingsverlies in de winst of het verlies, wordt het bijzondere waardeverminderingsverlies teruggenomen via de winst of het verlies. Zo niet, dan wordt het bedrag uit hoofde van het herstel teruggenomen via niet-gerealiseerde resultaten.
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op deelnemingen verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode in overeenstemming met IAS 39 worden bepaald door vergelijking van de realiseerbare waarde van de deelneming met zijn boekwaarde. Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt verwerkt in de winst of het verlies en wordt teruggenomen in geval van een positieve verandering in de schattingen die worden gebruikt ter bepaling van de realiseerbare waarde.
De boekwaarden van niet fi nanciële activa, uitgezonderd uitgestelde belastingvorderingen, worden op iedere balansdatum getoetst om na te gaan of er aanwijzingen zijn dat zij mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan. Indien dergelijke aanwijzingen bestaan, wordt een schatting gemaakt van de realiseerbare waarde van het actief.
Voor goodwill, activa met een onbepaalde gebruiksduur en immateriële activa die nog niet gebruiksklaar zijn, wordt op iedere balansdatum de realiseerbare waarde geschat.
De realiseerbare waarde is de hoogste waarde van de gebruikswaarde en de reële waarde verminderd met verkoopkosten. Om de gebruikswaarde te bepalen, worden de verwachte toekomstige kasstromen gedisconteerd tot hun huidige waarde met behulp van een disconteringsvoet voor belastingen die zowel de actuele marktbeoordeling van de tijdwaarde van geld en de risico's inherent aan het actief weergeeft. In het kader van deze analyse worden activa, die niet op individuele basis getoetst kunnen worden, toegewezen aan de kleinste groep van activa die kasstromen genereren van voortdurend gebruik die grotendeels onafhankelijk zijn van de kasstromen van andere activa of groep van activa ("de kasstroom genererende eenheid").
De goodwill ten gevolge van de aankoop van een dochteronderneming of joint venture wordt, met het oog op het testen voor waardeverminderingen, toegewezen aan de kasstroom genererende eenheid die het meeste voordeel heeft van de aankoop van de onderneming.
Er wordt een bijzondere waardevermindering opgenomen wanneer de boekwaarde van een actief of de kasstroom genererende eenheid waartoe het actief behoort, hoger is dan de realiseerbare waarde. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden in de resultatenrekening opgenomen.
Waardeverminderingen erkend met betrekking tot kasstroom genererende eenheden worden eerst toegerekend aan de boekwaarde van de goodwill en daarna aan de andere activa van de eenheid op een pro rata basis.
Met betrekking tot goodwill worden bijzondere waardeverminderingsverliezen niet teruggenomen. Met betrekking tot andere activa wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies teruggenomen indien er zich een wijziging heeft voorgedaan in de gehanteerde schattingen bij het bepalen van de realiseerbare waarde waaruit blijkt dat het verlies verminderd is of niet meer bestaat. Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt enkel teruggenomen voorzover de boekwaarde van het actief niet hoger is dan de boekwaarde die bekomen zou zijn, na afschrijvingen, indien geen bijzonder waardeverminderingsverlies zou zijn geboekt.
Vaste activa of een groep van vaste activa die worden afgestoten worden geclassifi ceerd als aangehouden voor verkoop indien de boekwaarde hoofdzakelijk door een verkooptransactie zal worden gerealiseerd en niet door het voortgezette gebruik ervan.
Onmiddellijk voordat het actief voor het eerst wordt geclassifi ceerd als aangehouden voor verkoop, wordt de waardering van het actief herzien op basis van de waarderingsregels van de Groep. Nadien worden de activa gewaardeerd tegen het laagste van de boekwaarde en de reële waarde van het activa, verminderd met verkoopkosten. Een bijzonder waardeverminderingsverlies op een groep af te stoten activa en verplichtingen wordt in eerste instantie toegerekend aan goodwill en vervolgens naar rato aan de resterende activa en verplichtingen, met dien verstande dat geen bijzonder waardeverminderingsverlies wordt toegerekend aan activa die niet in de scope zijn van IFRS 5 (dewelke blijven gewaardeerd worden op basis van de overige waarderingsregels van de Groep).
Immateriële activa, materiële vaste activa en vastgoedbeleggingen worden vervolgens niet langer afgeschreven. Verder wordt ook de vermogensmutatie niet langer toegepast na herklassifi catie voor geassocieerde deelnemingen en joint ventures.
Verplichtingen met betrekking tot toegezegde bijdrageregelingen worden geboekt als een kost in de resultatenrekening wanneer ze zich voordoen.
De netto verplichting van de Groep uit hoofde van toegezegde pensioenregelingen wordt voor iedere regeling afzonderlijk berekend door een schatting te maken van de pensioen aanspraken die werknemers hebben opgebouwd in de verslagperiode en voorgaande perioden, waarbij dat bedrag contant wordt gemaakt en verminderd met de reële waarde van de fondsbeleggingen. De berekening van toegezegde pensioenverplichtingen wordt jaarlijks uitgevoerd door een gekwalifi ceerde actuaris volgens de 'projected unit credit'-methode. Wanneer de berekening resulteert in een positief saldo voor de Groep, wordt de opname van het actief beperkt tot een bedrag dat maximaal gelijk is aan de contante waarde van economische voordelen in de vorm van eventuele toekomstige terugstortingen door het fonds of lagere toekomstige pensioenpremies. Bij de berekening van de contante waarde van economische voordelen wordt rekening gehouden met minimale fi nancieringsverplichtingen die van toepassing zijn op de afzonderlijke regelingen van de Groep.
Herwaarderingen van de netto-toegezegde pensioenverplichting, die bestaan uit actuariële winsten en verliezen, het rendement op fondsbeleggingen (exclusief rente) en het effect van het actiefplafond (indien aanwezig, exclusief rente), worden direct verwerkt in niet-gerealiseerde resultaten. De Groep bepaalt de netto rentelast (-bate) op de netto-toegezegde pensioenverplichting (het actief) over de verslagperiode door de disconteringsvoet die is gebruikt voor het bepalen van de toegezegde pensioenverplichting aan het begin van de het jaar, toe te passen op de toenmalige netto-toegezegde pensioenverplichting (actief), rekening houdend met eventuele wijzigingen in de netto toegezegde pensioenverplichting (actief) gedurende de periode als gevolg van bijdragen en uitkeringen. Nettorentelasten en overige lasten met betrekking tot toegezegde pensioenregelingen worden verwerkt in het resultaat.
De Groep verantwoordt winsten of verliezen op de inperking of afwikkeling van een toegezegde-pensioenregeling op het moment dat de inperking of afwikkeling plaatsvindt. De winst of het verlies op inperking of afwikkeling omvat eventuele hieruit voortvloeiende wijzigingen in de reële waarde van de fondsbeleggingen en wijzigingen in de contante waarde van de verplichting uit hoofde van toegezegde pensioenrechten en pensioenkosten van verstreken diensttijd die nog niet eerder waren opgenomen.
Belgische toegezegde bijdrageregelingen vallen onder toepassingsgebied van de Wet van 28 april 2003 op de aanvullende pensioenen, kort WAP genoemd. Volgens artikel 24 van deze wet is de werkgever verplicht een minimum rendement van 3,75% op de persoonlijke bijdragen van de werknemer en 3,25% op de bijdragen van de werkgever te garanderen. Artikel 24 van de WAP verplicht de werkgever om op datum van de beëindiging van het plan de bijdragen gekapitaliseerd aan voornoemde vooropgestelde rendementen te garanderen en dit voor stortingen tot en met 31/12/2015. Vanaf januari 2016 dient de werkgever een gemiddeld minimum rendement van 1,75% te garanderen op zowel werknemersbijdragen als werkgeversbijdragen (zoals gewijzigd door de Wet van 18 december 2015). Deze minimum rendementsgarantie overtreft over het algemeen het rendement dat gegarandeerd wordt door de verzekeringsmaatschappij. Aangezien de werkgever verplicht wordt een minimum rendement te garanderen, worden niet alle actuariële en investeringsrisico's overgedragen naar de verzekeringsmaatschappijen die deze plannen beheren. Bijgevolg voldoen deze plannen niet aan de defi nitie van toegezegde bijdragenregeling zoals opgenomen in IFRS en worden ze als een te bereiken doel plan geclassifi ceerd. Een actuariële berekening in overeenstemming met IAS 19 gebaseerd op de 'projected unit credit (PUC)'-methode wordt uitgevoerd in dit verband.
Ontslagvergoedingen worden opgenomen als een last als de Groep zich op basis van een gedetailleerd formeel plan aantoonbaar heeft verbonden tot de beëindiging van het dienstverband van een werknemer of een groep werknemers vóór de gebruikelijke pensioendatum, zonder realistische mogelijkheid tot intrekking van dat plan. Dit is tevens het geval als de Groep ontslagvergoedingen aanbiedt en zo (een groep) werknemers stimuleert vrijwillig te vertrekken. Ontslagvergoedingen voor vrijwillig ontslag worden opgenomen als een last als de Groep een aanbod heeft gedaan tot vrijwillig ontslag, als het waarschijnlijk is dat dit aanbod zal worden aangenomen en als het aantal werknemers dat van het aanbod gebruik zal maken betrouwbaar kan worden bepaald. Als ontslagvergoedingen meer dan twaalf maanden na afl oop van de verslagdatum betaalbaar zijn, dan worden deze gedisconteerd tot hun contante waarde.
Korte termijn personeelsbeloningen worden zonder verdiscontering gewaardeerd en opgenomen wanneer de daarmee verband houdende dienst wordt verricht. Er wordt een verplichting verantwoord voor het bedrag dat naar verwachting ten gevolge van een kortetermijnbonus in contanten of een winstdelingsregeling zal worden uitbetaald indien de Groep een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft als gevolg van verstreken diensttijd van werknemers en indien deze verplichting betrouwbaar kan worden bepaald.
De reële waarde op toekenningsdatum van in eigen vermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingstransacties aan personeelsleden wordt opgenomen als een personeelslast, met een overeenkomstige verhoging van het eigen vermogen, verdeeld over de periode waarin de werknemers onvoorwaardelijk recht krijgen op de opties. Het als last op te nemen bedrag wordt aangepast voor het aantal opties waarvoor naar verwachting zal worden voldaan aan de betreffende dienstverleningsvoorwaarden en niet-markt gerelateerde voorwaarden van onvoorwaardelijk worden, zodanig dat het uiteindelijk als last opgenomen bedrag gebaseerd is op het aantal opties waarvoor op de datum waarop de toekenning onvoorwaardelijk wordt daadwerkelijk is voldaan aan de betreffende voorwaarden.
Een voorziening wordt in de balans opgenomen wanneer de Groep een verplichting heeft (in rechte afdwingbaar of feitelijk) als gevolg van gebeurtenissen in het verleden, en wanneer het waarschijnlijk is dat voor de afwikkeling van de verplichting een uitstroom van middelen noodzakelijk is. Indien het effect belangrijk is, worden voorzieningen aangelegd door de toekomstige verwachte kasstromen te verdisconteren aan een rentevoet voor belastingen die zowel de huidige marktbeoordelingen van de tijdwaarde van geld weerspiegelt als, waar nodig, de specifi eke risico's verbonden aan de verplichting.
Herstructureringsvoorzieningen worden aangelegd wanneer de Groep een gedetailleerd en geformaliseerd herstructureringsplan heeft goedgekeurd, en wanneer de herstructurering ofwel reeds is aangevat ofwel publiekelijk bekend is gemaakt. Er wordt geen voorziening aangelegd voor toekomstige exploitatiekosten
Een voorziening voor verlieslatende contracten wordt geboekt wanneer het voordeel dat de Groep uit een contract verwacht te halen lager is dan de onvermijdelijke kosten die verbonden zijn aan de naleving van het contract. De provisie wordt gewaardeerd aan de huidige waarde van het laagste van de verwachte kost om het contract te verbreken en van de verwachte kost om het contract verder te zetten. Voordat een voorziening wordt getroffen, verwerkt de Groep eerst een eventueel bijzonder waardeverminderingsverlies op de activa die gerelateerd zijn aan het contract.
De Groep en of haar joint ventures verwerven inkomsten van bevrachters als gevolg van het gebruik van haar activa. Deze activa worden bevracht als gevolg van reis/ spot contracten, tijdsbevrachtingscontracten of "bareboat" contracten. Voor reis/spot charters wordt een contract afgesloten in de spotmarkt voor het gebruik van een actief voor een specifi eke reis tegen een contractueel afgesproken tarief per getransporteerde metrieke ton. Voor tijdbevrachtings charters of "bareboat" charters wordt een overeenkomst aangegaan voor het gebruik van een actief voor een specifi eke termijn tegen een contractueel overeengekomen maandelijks of dagelijks tarief. Opbrengsten worden erkend op een lineaire basis over de looptijd van elke reis, tijdbevrachtings of "bareboat" charter.
Opbrengsten uit de verkoop van activa worden in de resultatenrekening opgenomen wanneer de wezenlijke risico's en voordelen van eigendom werden overgedragen aan de koper, de opbrengsten naar alle waarschijnlijkheid geïnd zullen worden, de bijhorende kosten op redelijke wijze geschat kunnen worden, er geen blijvende betrokkenheid is van het management en het bedrag aan inkomsten redelijk kan ingeschat worden. Het tijdstip van de overdracht van de risico's en voordelen van de eigendom kan verschillen afhankelijk van de individuele voorwaarden in de verkoopsovereenkomst.
Opbrengsten van de levering van diensten worden in de resultatenrekening opgenomen in overeenstemming met het stadium van voltooiing van de transactie op balansdatum. Het stadium van voltooiing wordt bepaald op basis van beoordelingen van het uitgevoerde werk.
Er worden geen opbrengsten geboekt wanneer er belangrijke onzekerheden bestaan met betrekking tot de ontvangst van de overeengekomen vergoeding en gerelateerde transactiekosten.
Commissies: wanneer de Groep bij een transactie als tussenpersoon (agent) optreedt in plaats van als hoofdpartij, zijn de verwerkte opbrengsten het nettobedrag van de commissies waarop de Groep recht heeft.
Huuropbrengsten uit vastgoedbeleggingen worden op lineaire basis, gespreid over de huurperiode, in resultaat genomen.
Bij de start van een overeenkomst bepaalt de Groep of de overeenkomst een leasingcontract is of omvat.
Bij de start of bij herbeoordeling van een overeenkomst dewelke een leasingcontract omvat, scheidt de Groep de betalingen en andere verplichte vergoedingen onder de overeenkomst in deze dewelke onder de leasingovereenkomst vallen en deze dewelke onder andere elementen vallen en dit op basis van hun relatieve reële waarde. Wanneer de Groep beoordeelt dat het voor een fi nanciële leasingovereenkomst onmogelijk is om deze betalingen betrouwbaar te scheiden, dan wordt er een actief en een schuld erkend gebaseerd op de reële waarde van het onderliggend actief. Nadien wordt de schuld verminderd naar aanleiding van uitgevoerde betalingen en een fi nancieringskost op de uitstaande betalingsverplichting wordt erkend.
Betalingen met betrekking tot de operationele leasingovereenkomsten worden in de resultatenrekening opgenomen op lineaire basis, gespreid over de loopduur van de leasingovereenkomst.
De minimale leasebetalingen uit hoofde van een fi nanciële lease uitgevoerd door de leasingnemer, worden deels als fi nancieringskosten opgenomen en deels als afl ossing van de uitstaande verplichting. De fi nancieringskosten worden zodanig aan iedere periode van de totale leasetermijn toegerekend dat dit resulteert in een constante periodieke rentevoet over het resterende saldo van de verplichting. De Groep heeft geen fi nanciële leasingovereenkomsten waarbij zij zelf optreedt als leasinggever.
Voorwaardelijke betalingen met betrekking tot leasingovereenkomsten worden verwerkt in de winst- en verliesrekening behoudens wanneer ze betrekking hebben op toekomstige voordelen. In dit geval worden de minimale lease betalingen aangepast over de resterende duurtijd van de leasingovereenkomst op moment dat de aanpassing van de leasingovereenkomst vaststaat.
Overheidssubsidies worden, zodra er redelijke zekerheid bestaat dat zij zullen worden ontvangen en dat de Groep zal voldoen aan de daaraan verbonden voorwaarden, bij eerste opname in de balans opgenomen als over te dragen opbrengsten en gewaardeerd tegen reële waarde en worden na eerste opname systematisch in de winst- en verliesrekening verantwoord als overige bedrijfsopbrengsten gedurende de gebruiksduur van het actief. Subsidies ter compensatie van door de Groep gemaakte kosten worden geboekt in de winst- en verliesrekening in de periode waarin de kosten erkend worden.
Financiële opbrengsten omvatten ontvangen intresten, dividenden, wisselkoersopbrengsten, opbrengsten uit de verkoop van voor verkoop beschikbare beleggingen en opbrengsten uit de wijziging van de reële waarde van fi nanciële instrumenten. Intresten worden pro rata temporis in de winst- en verliesrekening opgenomen rekening houdend met de effectieve opbrengstvoet. Dividenden worden geboekt op het moment waarop ze worden toegekend.
De fi nanciële kosten omvatten intresten op leningen, wisselkoersverliezen, verliezen uit de wijziging van de reële waarde van fi nanciële instrumenten die opgenomen worden in de resultatenrekening, bijzondere waardeverminderingsverliezen op fi nanciële activa en verliezen op afdekkingsverrichtingen die opgenomen worden in de resultatenrekening. Alle kosten met betrekking tot rentedragende leningen, met uitzondering van de fi nancieringskosten die rechtstreeks toewijsbaar zijn aan het aankopen of gebruiksklaar maken van activa, worden in de resultatenrekening opgenomen op basis van de effectieve rentemethode.
Wisselkoerswinsten en wisselkoersverliezen worden netto gepresenteerd per munt als zijnde fi nanciële opbrengsten of fi nanciële kosten.
De belastingen op het resultaat van het boekjaar omvatten over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare en latente belastingen. Ze worden opgenomen in de winst- en verliesrekening, behalve wanneer ze gerelateerd zijn aan een bedrijfscombinatie of wanneer deze betrekking hebben op bestanddelen die rechtstreeks in het eigen vermogen of in het overzicht van niet gerealiseerde resultaten worden geboekt.
De verschuldigde en verrekenbare belastingen zijn de belastingen verschuldigd op de belastbare winst van het boekjaar, berekend volgens de belastingtarieven die gelden op datum van afsluiting van het boekjaar, en voorts ook de aanpassingen die betrekking hebben op de voorgaande boekjaren. Actuele belastingvorderingen en -verplichtingen worden uitsluitend gesaldeerd als aan bepaalde criteria wordt voldaan.
De latente belastingen worden berekend op alle tijdelijke verschillen tussen de boekwaarde en de fi scale waarde. Uitgestelde belastingen worden gewaardeerd op basis van de belastingtarieven die naar verwachting van toepassing zullen zijn bij afl oop van de tijdelijke verschillen, op basis van belastingtarieven die op balansdatum zijn vastgesteld. De volgende tijdelijke verschillen worden niet voorzien: de initiële erkenning van goodwill, de initiële erkenning van activa of passiva in een transactie dat geen bedrijfscombinatie is en die geen invloed heeft op zowel boekhoudkundige winst als fi scale winst en verschillen met betrekking tot investeringen in deelnemingen, geassocieerde ondernemingen en joint ventures voor zover dat de Groep in staat is het tijdstip van de omdraaiing te beïnvloeden en het waarschijnlijk is dat deze zich niet zullen omkeren in de voorzienbare toekomst.
Actieve belastinglatenties worden enkel geboekt indien het voldoende zeker is dat het belastingkrediet en de niet gebruikte fi scale verliezen in de toekomst met belastbare winsten verrekend kunnen worden.
Actieve belastinglatenties worden verminderd zodra het niet langer waarschijnlijk is dat dit belastingvoordeel zich zal realiseren. Niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen worden op iedere verslagdatum opnieuw beoordeeld en worden opgenomen zodra het waarschijnlijk is dat er in de toekomst belastbare winsten beschikbaar zijn, waartegen ze kunnen worden gebruikt. Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden uitsluitend gesaldeerd als aan bepaalde criteria wordt voldaan.
In overeenstemming met IAS 12 wordt "tonnage tax" niet als inkomstenbelasting maar als overige kost opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Een segment is een onderdeel van de Groep met betrekking tot een operationele activiteit die inkomsten genereert en uitgaven maakt, met inbegrip van inkomsten en uitgaven afkomstig van transacties met andere segmenten van de Groep. Het operationele resultaat van de segmenten wordt op een regelmatige basis door de bedrijfsleiding bekeken om zo beslissingen te nemen met betrekking tot de allocatie van middelen en om de prestaties van een segment te beoordelen.
Het resultaat van een segment omvat alle opbrengsten en kosten die rechtstreeks door dit segment worden gegenereerd, inclusief het deel van de te alloceren opbrengsten en kosten die redelijkerwijs aan het segment kan worden toegewezen. De activa en passiva van een segment omvatten als minimum de activa en passiva dewelke periodiek gerapporteerd worden aan de "Chief operating decision maker", zijnde de CEO van de Groep en de overige leden van het directiecomité.
De investeringen van het segment omvatten de aankoopkost van materiële en immateriële vaste activa, met uitzondering van goodwill, voor de periode.
De Groep presenteert gewone en verwaterde winst per aandeel voor de gewone aandelen. De gewone winst per aandeel wordt bekomen door het resultaat toewijsbaar aan de gewone aandeelhouders te verdelen over het gewogen gemiddeld aantal aandelen over de periode, aangepast voor het gewogen gemiddelde aantal eigen aandelen. Verwaterde winst per aandeel wordt berekend door het resultaat toewijsbaar aan de gewone aandeelhouders en het gewogen gemiddeld aantal aandelen aan te passen met het effect van alle mogelijke verwateringen van de gewone aandelen zoals aandelenopties toegekend aan personeelsleden.
Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een component van de onderneming van de Groep, waarvan de activiteiten en kasstromen duidelijk te onderscheiden zijn van de rest van de Groep, en die een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografi sch bedrijfsgebied vertegenwoordigt; deel uitmaakt van één gecoördineerd plan om een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografi sch gebied af te stoten; of een dochteronderneming is die uitsluitend is overgenomen met de bedoeling te worden doorverkocht. De classifi catie naar beëindigde bedrijfsactiviteiten vindt plaats bij verkoop of wanneer het onderdeel aan de criteria voldoet om aangehouden te worden voor verkoop. Wanneer een bedrijfsactiviteit geclassifi ceerd wordt als aangehouden voor verkoop, wordt de presentatie van de vergelijkende cijfers aangepast.
Waarderingsregels 91
De onderneming blijft haar activiteiten beheren gebaseerd op de interne management rapportering volgens de proportionele consolidatie methode. De reconciliatie van de segmentrapportering met de geconsolideerde balans en het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten wordt weergegeven onder toelichting 3. Alle verschillen hebben betrekking op de toepassing van IFRS 11 gezamenlijke overeenkomsten, er zijn geen andere verschillen van toepassing.
De Groep heeft 4 rapporteringssegmenten. Deze segmenten weerspiegelen het niveau waarop de CEO en het directiecomité naar het bedrijf kijken en beslissingen nemen over de verdeling van middelen en andere operationele zaken. Deze segmenten leveren verschillende diensten en producten en worden afzonderlijk geleid. Het LPG segment omvat het vervoer van vloeibaar petroleumgas, ammoniak, en andere petrochemische gassen via de Midsize vloot, de VLGC schepen en tankers met druktanks. De LPG vloot wordt gerapporteerd als één segment rekening houdende met de gelijkaardige karakteristieken van de vloot (bvb aard van de producten,...). Het vervoer van LNG (vloeibaar aardgas) behoort tot het LNG segment. De activiteiten in de offshore olie- en gasindustrie omvatten de levering van diensten en uitrusting en worden ingedeeld in het Offshore segment. Het segment Diensten omvat gespecialiseerde ondersteunende dienstverlening voor de olie- en gasindustrie zoals technisch beheer en bemanning van schepen, verzekeringsactiviteiten en een reisbureau. De structuur van de Groep en het management is niet gebaseerd op geografi sche segmenten aangezien de vloot van de onderneming vaart tussen verschillende geografi sche segmenten.
De intra-segment opbrengsten hebben voornamelijk betrekking op verleende diensten met betrekking tot management activiteiten en bemanning van schepen.
De belangrijkste LNG klant Excelerate Energy Llc vertegenwoordigt 89% (87% in 2015) van de LNG inkomsten en 29% (25% in 2015) van de geconsolideerde inkomsten in 2016. De belangrijkste LPG klant Statoil vertegenwoordigt 22% (68% in 2015) van de LPG inkomsten en 9% (27% in 2015) van de totale geconsolideerde inkomsten in 2016.
| LPG | LNG | Offshore | Diensten | Eliminaties | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| WINST- EN VERLIESREKENING | ||||||
| Externe opbrengsten | 1 06.459 | 91.508 | 51.133 | 28.411 | 0 | 277.511 |
| Intra-segment opbrengsten | 2.926 | 0 | 1.279 | 16.773 | -20.978 | 0 |
| Totale opbrengsten | 109.385 | 91.508 | 52.412 | 45.184 | -20.978 | 277.511 |
| Externe opbrengsten uit verhuur van vastgoed | 0 | 0 | 0 | 949 | 0 | 949 |
| Intra-segment opbrengsten uit verhuur van vastgoed | 0 | 0 | 0 | 147 | -147 | 0 |
| Totale opbrengsten uit verhuur van vastgoed | 0 | 0 | 0 | 1.096 | -147 | 949 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 8 | 0 | 942 | 76 | 0 | 1.026 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 15.203 | 9.000 | 230 | 1.962 | 0 | 26.395 |
| Overige bedrijfsopbrengsten intra-segment | 0 | 22 | 0 | 373 | -395 | 0 |
| Totale overige bedrijfsopbrengsten | 15.203 | 9.022 | 230 | 2.335 | -395 | 26.395 |
| BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 124.596 | 100.530 | 53.584 | 48.691 | -21.520 | 305.881 |
| BEDRIJFSRESULTAAT VOOR AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN (EBITDA) |
55.993 | 59.418 | -844 | 1.914 | 116.481 | |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -21.837 | -18.382 | -2.808 | -3.088 | -46.115 | |
| BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT) | 34.156 | 41.036 | -3.652 | -1.174 | 0 | 70.366 |
| Intrestopbrengsten/kosten (netto) | -13.935 | -20.305 | -608 | 9.239 | -25.609 | |
| Andere fi nanciële opbrengsten/kosten (netto) | -424 | -4.347 | 85 | -5.534 | -10.220 | |
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en joint ventures. na belastingen |
0 | 0 | 1.183 | -413 | 770 | |
| Belastingen op het resultaat | -5 | 12 | 1.497 | -991 | 513 | |
| SEGMENT RESULTAAT VOOR DE PERIODE | 19.792 | 16.396 | -1.495 | 1.127 | 0 | 35.818 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | 35.818 | |||||
| Minderheidsbelang | 32 | |||||
| AANDEELHOUDERS VAN DE VENNOOTSCHAP | 35.786 |
| LPG | LNG | Offshore | Diensten | Eliminaties | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| BALANS | ||||||
| ACTIVA | ||||||
| Schepen | 403.426 | 578.922 | 12.450 | 0 | 994.798 | |
| Overige materiële vaste activa | 430 | 6 | 658 | 1.503 | 2.597 | |
| Immateriële activa | 0 | 0 | 922 | 3.586 | 4.508 | |
| Vastgoedbeleggingen | 0 | 0 | 0 | 8.807 | 8.807 | |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures |
0 | 0 | 5.251 | 0 | 5.251 | |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 0 | 0 | 12.345 | 0 | 12.345 | |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten | 870 | 235 | 0 | 0 | 1.105 | |
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | 8.861 | 0 | 0 | 0 | 8.861 | |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 0 | 12.689 | 1.922 | 23.860 | 38.471 | |
| Kas en kasequivalenten | 30.208 | 41.618 | 10.416 | 17.650 | 99.892 | |
| TOTAAL SEGMENT ACTIVA | 443.795 | 633.470 | 43.964 | 55.406 | 0 | 1.176.635 |
| Niet toegewezen overige materiële vaste activa | 523 | |||||
| Niet toegewezen investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures |
3.723 | |||||
| Niet toegewezen voor verkoop beschikbare beleggingen | 3.608 | |||||
| Niet toegewezen handels- en overige vorderingen | 57.677 | |||||
| Niet toegewezen kas en kasequivalenten | 82.647 | |||||
| Niet toegewezen overige activa | 1.127 | |||||
| TOTALE ACTIVA | 1.325.940 | |||||
| EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | ||||||
| Rentedragende leningen lange termijn | 237.448 | 353.900 | 3.000 | 9.647 | 603.995 | |
| Rentedragende leningen korte termijn | 37.921 | 19.524 | 2.000 | 116.643 | 176.088 | |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten lange termijn | 0 | 0 | 92 | 0 | 92 | |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten korte termijn | 0 | 0 | 0 | 36.182 | 36.182 | |
| Uitgestelde belastingsverplichtingen | 0 | 0 | 0 | 978 | 978 | |
| TOTAAL SEGMENT VERPLICHTINGEN | 275.369 | 373.424 | 5.092 | 163.450 | 0 | 817.335 |
| Niet toegewezen eigen vermogen | 432.684 | |||||
| Niet toegewezen handels- en overige schulden | 66.722 | |||||
| Niet toegewezen overige verplichtingen | 9.199 | |||||
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 1.325.940 | |||||
| KASSTROOMOVERZICHT | ||||||
| Kasstroom uit bedrijfsactiviteit | 22.429 | 41.367 | -102 | 106 | 63.800 | |
| Kasstroom uit investeringsactiviteit | -70.812 | -11.950 | 4.094 | -4.616 | -83.284 | |
| Kasstroom uit fi nancieringsactiviteit | 28.484 | -13.011 | -4.031 | 3.729 | 15.171 | |
| Niet toegewezen kasstroom | -2.940 | |||||
| Dividenduitkering/ontvangen dividend | -19.259 | |||||
| Wisselkoersfl uctuatie | -643 | |||||
| TOTALE KASSTROOM | -19.899 | 16.406 | -39 | -781 | 0 | -27.155 |
| BIJKOMENDE INFORMATIE | ||||||
| Investeringen | -70.127 | -11.950 | -21 | -220 | -82.318 | |
| Inkomsten uit verkoop | 17 | 164 | 181 |
| LPG | LNG | Offshore | Diensten | Eliminaties | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| WINST- EN VERLIESREKENING | ||||||
| Externe opbrengsten | 120.351 | 88.671 | 73.324 | 32.030 | 0 | 314.376 |
| Intra-segment opbrengsten | 4.223 | 20 | 1.160 | 16.068 | -21.471 | 0 |
| Totale opbrengsten | 124.574 | 88.691 | 74.484 | 48.098 | -21.471 | 314.376 |
| Externe opbrengsten uit verhuur van vastgoed | 0 | 0 | 0 | 909 | 0 | 909 |
| Intra-segment opbrengsten uit verhuur van vastgoed | 0 | 0 | 0 | 146 | -146 | 0 |
| Totale opbrengsten uit verhuur van vastgoed | 0 | 0 | 0 | 1.055 | -146 | 909 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 0 | 0 | 0 | 110 | 0 | 110 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 2.272 | 2 | 1.152 | 719 | 0 | 4.145 |
| Overige bedrijfsopbrengsten intra-segment | 0 | 98 | 0 | 397 | -495 | 0 |
| Totale overige bedrijfsopbrengsten | 2.272 | 100 | 1.152 | 1.116 | -495 | 4.145 |
| BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 126.846 | 88.791 | 75.636 | 50.379 | -22.112 | 319.540 |
| BEDRIJFSRESULTAAT VOOR AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN (EBITDA) |
51.333 | 39.381 | 8.641 | 126 | 99.481 | |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -33.561 | -18.447 | -4.218 | -3.080 | -59.306 | |
| BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT) | 17.772 | 20.934 | 4.423 | -2.954 | 0 | 40.175 |
| Intrestopbrengsten/kosten (netto) | -9.651 | -12.628 | -1.208 | -637 | -24.124 | |
| Andere fi nanciële opbrengsten/kosten (netto) | 1.311 | -782 | -794 | -1.706 | -1.971 | |
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en joint ventures. na belastingen |
0 | 0 | 334 | -640 | -306 | |
| Belastingen op het resultaat | 7 | -1.623 | -1.721 | -715 | -4.052 | |
| SEGMENT RESULTAAT VOOR DE PERIODE | 9.439 | 5.901 | 1.034 | -6.652 | 0 | 9.722 |
| Niet toegewezen fi nancieel resultaat | 1.523 | |||||
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | 11.245 | |||||
| Minderheidsbelang | 34 | |||||
| AANDEELHOUDERS VAN DE VENNOOTSCHAP | 11.211 |
| LPG | LNG | Offshore | Diensten | Eliminaties | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| BALANS | ||||||
| ACTIVA | ||||||
| Schepen | 308.986 | 585.364 | 31.129 | 0 | 925.479 | |
| Overige materiële vaste activa | 627 | 13 | 850 | 1.901 | 3.391 | |
| Immateriële activa | 0 | 0 | 1.285 | 2.290 | 3.575 | |
| Vastgoedbeleggingen | 0 | 0 | 0 | 9.558 | 9.558 | |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten | 0 | 51 | 0 | 0 | 51 | |
| Geblokkeerde kasequivalenten (*) | 0 | 18.635 | 1.891 | 25.350 | 45.876 | |
| Kas en kasequivalenten (*) | 56.336 | 39.149 | 13.286 | 25.548 | 134.319 | |
| TOTAAL SEGMENT ACTIVA | 365.949 | 643.212 | 48.441 | 64.647 | 0 | 1.122.249 |
| Niet toegewezen overige materiële vaste activa | 776 | |||||
| Niet toegewezen investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures |
5.171 | |||||
| Niet toegewezen voor verkoop beschikbare beleggingen | 3.487 | |||||
| Niet toegewezen handels- en overige vorderingen | 67.475 | |||||
| Niet toegewezen kas en kasequivalenten (*) | 75.375 | |||||
| Niet toegewezen overige activa | 993 | |||||
| TOTALE ACTIVA | 1.275.526 | |||||
| EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | ||||||
| Rentedragende leningen lange termijn | 186.212 | 372.387 | 5.000 | 118.246 | 681.845 | |
| Rentedragende leningen korte termijn | 24.162 | 19.057 | 2.000 | 1.333 | 46.552 | |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten | 1.076 | 0 | 198 | 41.229 | 42.503 | |
| TOTAAL SEGMENT VERPLICHTINGEN | 211.450 | 391.444 | 7.198 | 160.808 | 0 | 770.900 |
| Niet toegewezen eigen vermogen | 404.804 | |||||
| Niet toegewezen handels- en overige schulden | 88.104 | |||||
| Niet toegewezen overige verplichtingen | 11.718 | |||||
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 1.275.526 | |||||
| KASSTROOMOVERZICHT | ||||||
| Kasstroom uit bedrijfsactiviteit | 44.848 | 37.273 | 7.093 | 7.521 | 96.735 | |
| Kasstroom uit investeringsactiviteit | -44.803 | -47.134 | -18.720 | -546 | -111.203 | |
| Kasstroom uit fi nancieringsactiviteit | 51.960 | 39.969 | -2.000 | 37.298 | 127.227 | |
| Niet toegewezen kasstroom | -15.874 | |||||
| Dividenduitkering/ontvangen dividend | -25.453 | |||||
| TOTALE KASSTROOM | 52.005 | 30.108 | -13.627 | 44.273 | 0 | 71.432 |
| BIJKOMENDE INFORMATIE | ||||||
| Investeringen | -44.803 | -47.134 | -18.720 | -973 | -111.630 | |
| Inkomsten uit verkoop | 0 | 0 | 0 | 384 | 384 |
(*) De presentatie van kas en kasequivalenten met betrekking tot 2015 werd gewijzigd. Kas en kasequivalenten werden opgesplitst in geblokkeerde kasequivalenten en kas en kasequivalenten.
De onderneming blijft haar activiteiten beheren gebaseerd op de interne management rapportering volgens de proportionele consolidatie methode. De onderstaande tabellen reconcilieren de fi nanciële informatie zoals weergegeven in de geconsolideerde balans en in het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten (dewelke opgesteld werden in overeenstemming met IFRS 11 volgens de vermogensmutatiemethode) met de fi nanciële informatie weergegeven in toelichting 2 segmentrapportering (dewelke werden opgesteld volgens de proportionele consolidatiemethode).
| Proportionele consolidatie | Verschil | Vermogensmutatie Methode | |
|---|---|---|---|
| RECONCILIATIE GECONSOLIDEERDE BALANS MET SEGMENTRAPPORTERING | |||
| 31 DECEMBER 2016 | |||
| Schepen | 994.798 | -716.499 | 278.299 |
| Andere materiële vaste activa | 3.120 | -41 | 3.079 |
| Immateriële activa | 4.508 | -857 | 3.651 |
| Vastgoedbeleggingen | 8.807 | -8.807 | 0 |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 8.974 | 138.624 | 147.598 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 12.345 | 331.567 | 343.912 |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten | 1.105 | -1.105 | 0 |
| VASTE ACTIVA Vaste activa aangehouden voor verkoop |
1.033.657 8.861 |
-257.118 -8.861 |
776.539 0 |
| Voor verkoop beschikbare beleggingen | 3.608 | 0 | 3.608 |
| Handels- en overige vorderingen | 57.677 | 5.046 | 62.723 |
| Actuele belastingsvorderingen | 1.127 | -20 | 1.107 |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 38.471 | -3.580 | 34.891 |
| Kas en kasequivalenten | 182.539 | -61.443 | 121.096 |
| VLOTTENDE ACTIVA | 292.283 | -68.858 | 223.425 |
| TOTALE ACTIVA | 1.325.940 | -325.976 | 999.964 |
| EIGEN VERMOGEN | 432.684 | 0 | 432.684 |
| Rentedragende leningen | 603.995 | -274.405 | 329.590 |
| Personeelsbeloningen | 4.267 | 0 | 4.267 |
| Voorzieningen | 2.474 | -40 | 2.434 |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten | 92 | -92 | 0 |
| Uitgestelde belastingsverplichtingen | 978 | 0 | 978 |
| VERPLICHTINGEN OP LANGE TERMIJN | 611.806 | -274.537 | 337.269 |
| Rentedragende leningen | 176.088 | -35.941 | 140.147 |
| Handels- en overige schulden | 66.722 | -15.478 | 51.244 |
| Te betalen winstbelastingen | 2.458 | -20 | 2.438 |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten | 36.182 | 0 | 36.182 |
| VERPLICHTINGEN OP KORTE TERMIJN | 281.450 | -51.439 | 230.011 |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 1.325.940 | -325.976 | 999.964 |
| RECONCILIATIE GECONSOLIDEERDE RESULTATENREKENING MET SEGMENTRAPPORTERING | |||
| 31 DECEMBER 2016 | |||
| Opbrengsten | 278.460 | -182.434 | 96.026 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 1.026 | 0 | 1.026 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 26.395 | -289 | 26.106 |
| Diensten en diverse goederen | -139.581 | 73.091 | -66.490 |
| Personeelskosten | -46.991 | -13 | -47.004 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -46.115 | 39.331 | -6.784 |
| Voorzieningen | 88 | 0 | 88 |
| Verlies gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 0 | 0 | 0 |
| Overige bedrijfskosten | -2.916 | 937 | -1.979 |
| RESULTAAT UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 70.366 | -69.377 | 989 |
| Intrestopbrengsten | 1.912 | 22.949 | 24.861 |
| Intrestkosten | -27.522 | 11.615 | -15.907 |
| Andere fi nanciële opbrengsten | 1.737 | -259 | 1.478 |
| Andere fi nanciële kosten | -11.958 | 1.217 | -10.741 |
| RESULTAAT VOOR BELASTINGEN EN VOOR AANDEEL IN HET RESULTAAT VAN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES |
34.535 | -33.855 | 680 |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen en joint ventures. na belastingen |
770 | 33.802 | 34.572 |
| Belastingen op het resultaat | 513 | 53 | 566 |
| BELASTINGEN OP HET RESULTAAT | 35.818 | 0 | 35.818 |
| RECONCILIATIE GECONSOLIDEERDE BALANS MET SEGMENTRAPPORTERING | |||
|---|---|---|---|
| 31 DECEMBER 2015 | |||
| Schepen | 925.479 | -756.488 | 168.991 |
| Andere materiële vaste activa | 4.167 | -63 | 4.104 |
| Immateriële activa | 3.575 | -1.207 | 2.368 |
| Vastgoedbeleggingen | 9.558 | -9.558 | 0 |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 5.171 | 127.645 | 132.816 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 0 | 376.408 | 376.408 |
| Overige fi nanciële activa | 51 | -51 | 0 |
| VASTE ACTIVA | 948.001 | -263.314 | 684.687 |
| Voor verkoop beschikbare beleggingen | 3.487 | 0 | 3.487 |
| Handels- en overige vorderingen | 67.475 | -2.806 | 64.669 |
| Actuele belastingsvorderingen | 993 | -25 | 968 |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 45.876 | -3.544 | 42.332 |
| Kas en kasequivalenten | 209.694 | -79.726 | 129.969 |
| VLOTTENDE ACTIVA | 327.525 | -86.100 | 241.425 |
| TOTALE ACTIVA | 1.275.526 | -349.414 | 926.112 |
| EIGEN VERMOGEN | 404.804 | 0 | 404.804 |
| Rentedragende leningen | 681.845 | -284.420 | 397.425 |
| Personeelsbeloningen | 4.445 | 0 | 4.445 |
| Voorzieningen | 2.562 | -40 | 2.522 |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten | 42.503 | -1.274 | 41.229 |
| VERPLICHTINGEN OP LANGE TERMIJN | 731.355 | -285.734 | 445.621 |
| Rentedragende leningen | 46.552 | -31.391 | 15.161 |
| Handels- en overige schulden | 88.104 | -32.289 | 55.815 |
| Te betalen winstbelastingen | 4.711 | 0 | 4.711 |
| VERPLICHTINGEN OP KORTE TERMIJN | 139.367 | -63.680 | 75.687 |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 1.275.526 | -349.414 | 926.112 |
| RECONCILIATIE GECONSOLIDEERDE RESULTATENREKENING MET SEGMENTRAPPORTERING | |||
| 31 DECEMBER 2015 | |||
| Opbrengsten | 315.285 | -203.065 | 112.220 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 110 | 0 | 110 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 4.145 | -884 | 3.261 |
| Diensten en diverse goederen | -160.684 | 79.698 | -80.986 |
| Personeelskosten | -51.550 | 82 | -51.468 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -59.306 | 54.132 | -5.174 |
| Voorzieningen | -131 | -3 | -134 |
| Verlies gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | -47 | 0 | -47 |
| Overige bedrijfskosten | -7.647 | 894 | -6.753 |
| RESULTAAT UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 40.175 | -69.146 | -28.971 |
| Intrestopbrengsten | 345 | 22.692 | 23.037 |
| Intrestkosten | -22.571 | 9.619 | -12.952 |
| Andere fi nanciële opbrengsten | 7.497 | -151 | 7.346 |
| Andere fi nanciële kosten | -9.843 | 1.320 | -8.523 |
| RESULTAAT VOOR BELASTINGEN EN VOOR AANDEEL IN HET RESULTAAT VAN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES |
15.603 | -35.666 | -20.063 |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen en joint ventures. na belastingen |
-306 | 35.486 | 35.180 |
| Belastingen op het resultaat | -4.052 | 180 | -3.872 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | 11.245 | 0 | 11.245 |
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| OPBRENGSTEN | ||
| LPG segment | 17.067 | 6.391 |
| LNG segment | 483 | 0 |
| Offshore segment | 46.385 | 68.888 |
| Services segment | 32.091 | 36.941 |
| 96.026 | 112.220 |
De stijging in het LPG segment wordt voornamelijk verklaard door de aankoop van de resterende 50% van de pressurized vloot aangehouden door Wak Kwong (zie toelichting 9 voor meer informatie in dit verband).
De daling in het Offshore segment is grotendeels verklaarbaar door de WARIBOKO transactie. EXMAR heeft een deel van haar eigendom in de WARIBOKO verkocht aan haar logistieke partner Springview (zie toelichting 10 voor verdere informatie). De ingenieursdiensten van EXMAR Offshore werden beïnvloed door een verminderde activiteit in 2016.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| WINST GEREALISEERD BIJ VERKOOP VAN VASTE ACTIVA | ||
| Overige | 84 | 110 |
| WARIBOKO transactie | 942 | 0 |
| 1.026 | 110 |
EXMAR heeft een deel van haar eigendom in de WARIBOKO verkocht aan haar logistieke partner Springview, we verwijzen naar toelichting 10 voor meer informatie.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| OVERIGE BEDRIJFSOPBRENGSTEN | ||
| Vergoeding OPTI-EX® | 209 | 1.128 |
| Badwill pressurized vloot transactie | 14.343 | 0 |
| Herwaardering naar reële waarde van de bestaande investering in CMC Belgibo | 800 | 0 |
| Stopzettingsvergoeding PEP | 9.000 | 0 |
| Overige | 1.755 | 2.133 |
| 26.106 | 3.261 |
We verwijzen naar toelichting 9 voor de badwill met betrekking tot de pressurized vloot en de herwaardering naar reële waarde van de bestaande investering in CMC Belgibo.
De stopzettingsvergoeding van USD 9 miljoen dewelke betaald werd door Pacifi c Exploration and Production ("PEP"), heeft betrekking op de beëindiging van de tolling overeenkomst met betrekking tot de Caribbean FLNG.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| OVERIGE | ||
| Niet op inkomsten gebaseerde belastingen (*) | -1.769 | -5.932 |
| Overige | -210 | -821 |
| -1.979 | -6.753 |
(*) Offshore geniet van een contract voor de WARIBOKO, dewelke in gebruik is in Nigeria en onderworpen is aan allerlei niet op inkomsten gebaseerde belastingen. In 2016 bedragen de Nigeriaanse taksen USD 1 miljoen (2015: USD 4,1 miljoen). De daling van de belastingen wordt verklaard door de gedeeltelijke verkoop van de WARIBOKO (zie toelichting 10 voor verdere informatie).
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| PERSONEELSKOSTEN | ||
| Lonen en salarissen | -37.968 | -42.256 |
| Sociale lasten | -6.062 | -6.822 |
| Personeelsbeloningen. toegezegde pensioenregelingen en toegezegde bijdrageregeling | -1.417 | -1.439 |
| Aandelenoptieplan | -1.557 | -951 |
| -47.004 | -51.468 | |
| PERSONEELSAANTAL (IN VOLTIJDSE EQUIVALENTEN) | ||
| Zeevarenden (*) | 1.628 | 1.557 |
| Niet zeevarenden | 234 | 344 |
(*) Bijna alle zeevarenden zijn tewerkgesteld op activa van of uitgebaat door onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures. De gerelateerde kost is niet opgenomen in de personeelskosten van EXMAR zoals hierboven toegelicht maar weergegeven in de operationele kosten van onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| INTRESTKOSTEN EN -OPBRENGSTEN | ||
| INTRESTOPBRENGSTEN | ||
| Intresten op leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures (*) | 24.305 | 22.710 |
| Intresten uit kas en kasequivalenten | 556 | 327 |
| 24.861 | 23.037 | |
| INTRESTKOSTEN | ||
| Intrestkosten op rentedragende leningen | -13.904 | -11.603 |
| Intrestkosten uit fi nanciële instrumenten | -2.003 | -1.349 |
| -15.907 | -12.952 |
(*) De intrestopbrengsten hebben betrekking op te betalen intresten door geassocieerde ondernemingen en joint ventures op de leningen gegeven door EXMAR. We verwijzen naar toelichting 16 in dit verband.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| OVERIGE FINANCIËLE OPBRENGSTEN EN KOSTEN | ||
| OVERIGE FINANCIËLE OPBRENGSTEN | ||
| Gerealiseerde koersverschillen | 691 | 3.604 |
| Niet gerealiseerde koersverschillen | 556 | 3.095 |
| Dividend van niet geconsolideerde ondernemingen | 127 | 417 |
| Overige | 105 | 230 |
| 1.478 | 7.346 | |
| OVERIGE FINANCIËLE KOSTEN | ||
| Gerealiseerde koersverschillen | -889 | -2.827 |
| Omrekeningsverschillen verwerkt via de verlies-en winstrekening | 0 | -1.863 |
| Niet gerealiseerde koersverschillen | -260 | -988 |
| Bankvergoedingen (**) | -5.591 | -1.452 |
| Waardevermindering voor verkoop beschikbare beleggingen (***) | -3.844 | 0 |
| Overige | -157 | -1.393 |
| -10.741 | -8.523 |
(**) De bankvergoedingen hebben voornamelijk betrekking op de fi nancieringskosten met betrekking tot de ICBC fi nanciering (zie toelichting 23 in dit verband).
(***) Als gevolg van een belangrijke en aanhoudende daling in de reële waarde van de Teekay en de Sibelco aandelen. werd de reële waardereserve van USD 4 miljoen die werd opgebouwd in het verleden. verwerkt via de verlies-en winstrekening. De wijziging in de reële waarde van het huidige boekjaar bedraagt USD 0,1 miljoen en werd eveneens verwerkt via de verlies-en winstrekening.
| FINANCIËLE KOSTEN EN OPBRENGSTEN DIRECT OPGENOMEN IN HET EIGEN VERMOGEN | ||
|---|---|---|
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures. aandeel in niet gerealiseerde resultaten | 3.304 | -1.627 |
| Omrekeningsverschillen | -550 | -2.607 |
| Omrekeningsverschillen verwerkt via de verlies-en winstrekening | 0 | 1.863 |
| Wijziging in de reële waarde van cashfl owafdekkingen - hedge accounting | 2.408 | -1.598 |
| Voor verkoop beschikbare beleggingen - wijzigingen in de reële waarde | 0 | -4.854 |
| Voor verkoop beschikbare beleggingen - via de verlies- en winstrekening verwerkt | 3.973 | 0 |
| 9.135 | -8.823 | |
| Erkend in: | ||
| Reële waardereserve | 3.973 | -4.854 |
| Omrekeningsreserve | 524 | -1.456 |
| Afdekkingsreserve | 4.645 | -2.494 |
| Minderheidsbelang | -7 | -19 |
| 9.135 | -8.823 |
| 2016 | 2015 | ||
|---|---|---|---|
| WINSTBELASTINGEN | |||
| Belastingen over het boekjaar | -1.029 | -3.814 | |
| Correcties op voorgaande jaren | 1.595 | -58 | |
| BELASTINGEN OVER HET BOEKJAAR | 566 | -3.872 | |
| UITGESTELDE WINSTBELASTING | 0 | 0 | |
| 566 | -3.872 | ||
| AANSLUITING MET HET EFFECTIEVE BELASTINGTARIEF | |||
| RESULTAAT VOOR BELASTINGEN | 35.252 | 15.117 | |
| BELASTINGEN AAN NATIONAAL TARIEF | -33,99% -11.982 | -33,99% | -5.138 |
| Aandeel in het resultaat van ondernemingen geconsolideerd volgens de vermogensmutatie methode inclusief belastingeffect |
11.751 | 11.958 | |
Afwijking als gevolg van: Impact belastingtarieven in andere landen 2.283 -2.933 Niet-aftrekbare kosten -612 -1.784 Overige inkomstenbelastingen 177 847 Verliezen van het boekjaar en belastingkredieten waarvoor geen uitgestelde belastingvordering werd opgezet -7.176 -6.910 Aanwending fi scaal overgedragen verliezen, belastingkredieten en overige taksvoordelen 5.105 998 Fiscaal vrijgestelde opbrengsten -575 -852
1,61% 566 -25,62% -3.872
Aanpassingen met betrekking tot voorgaande boekjaren 1.595 -58
EXMAR heeft einde juni 2016 een akkoord bereikt voor de aankoop van 50% van de pressurized vloot in eigendom van Wah Kwong. Als gevolg van deze transactie verhoogt EXMAR's aandeel in de pressurized vloot van 50% naar 100%, de ondernemingen betrokken in deze transactie worden geconsolideerd volgens de integrale consolidatiemethode in de geconsolideerde balans per 31 december 2016 en niet langer getoond als investeringen in joint ventures dewelke geconsolideerd worden volgens de vermogensmutatiemethode. Aangezien de transactie slechts einde juni 2016 werd afgerond, wordt het resultaat van de eerste zes maanden van het jaar nog steeds getoond als resultaat van geassocieerde ondernemingen en joint ventures in de geconsolideerde resultatenrekening.
De transactiekosten met betrekking tot de LPG acquisitie bedragen USD 0,3 miljoen en worden getoond in het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten als operationele kosten.
De controle over de pressurized vloot stelt EXMAR in de mogelijkheid om haar positie in het LPG segment verder te versterken.
In de periode van twaalf maanden eindigend op 31 december 2016, heeft de pressurized vloot USD 16 miljoen omzet bijgedragen aan het LPG segment (proportionele consolidatiemethode) en een verlies van USD 2,4 miljoen bijgedragen aan het resultaat van het LPG segment. Indien de transactie zou plaatsgevonden hebben op 1 januari 2016, schat EXMAR dat de totale omzet van het LPG segment (proportionele consolidatiemethode) USD 114,8 miljoen zou geweest zijn en dat het resultaat van het LPG segment voor de periode USD 19 miljoen zou geweest zijn (inclusief een badwill van USD 14,3 miljoen dewelke werd erkend in het resultaat als gevolg van deze transactie).
Onderstaande tabel toont de reële waarde op overnamedatum van elke belangrijke categorie van vergoeding. De betaling van de aankoopprijs aan Wah Kwong werd uitgevoerd in oktober 2016.
| OVERGEDRAGEN VERGOEDING | |||
|---|---|---|---|
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures. inclusief het negatieve eigen vermogen gehouden door Exmar voor de overname. |
30.582 |
|---|---|
| Aankoopprijs voor het 50% aandeel van Wah Kwong | 3.464 |
| 34.046 |
Onderstaande tabel toont de verworven identifi ceerbare activa en de overgenomen verplichtingen op aankoopdatum volgens de verdeling van de aankoopprijs. De herwaardering naar reële waarde van de schepen is gebaseerd op de gemiddelde reële marktwaarde zoals bepaald door twee onafhankelijke scheepsmakelaars. De individuele waarderingen van deze scheepsmakelaars verschilden niet signifi cant van elkaar. Het management heeft de bestaande contracten met bevrachters geanalyseerd en is van mening dat er geen signifi cante reële waarde moet toegekend worden. De openstaande rentedragende leningen en de voorwaarden die erop van toepassing zijn werden beoordeeld en als markt-conform beschouwd. Management heeft de verdeling van de aankoopprijs opnieuw beoordeeld en is van mening dat geen bijkomende correcties noodzakelijk zijn en dat de erkende badwill correct is.
| IDENTIFICEERBARE VERWORVEN ACTIVA EN AANGEGANE VERPLICHTINGEN | |
|---|---|
| Schepen | 118.500 |
| Handels- en overige vorderingen | 2.848 |
| Kas en kasequivalenten | 5.556 |
| Rentedragende leningen | -73.040 |
| Handels- en overige schulden | -5.475 |
| 48.389 |
De badwill die ontstaan is uit deze transactie werd als volgt opgenomen:
| BADWILL | |
|---|---|
| Overgedragen vergoeding | 34.046 |
| Reële waarde van de identifi ceerbare netto-activa | -48.389 |
| -14.343 |
De herwaardering van de bestaande participatie naar reële waarde is opgenomen in de netto badwill van USD 14,3 miljoen.
Op het einde van 2016 heeft EXMAR de resterende 50,10% verworven in CMC Belgibo. Als gevolg van deze transactie wordt CMC Belgibo volledig geconsolideerd in de geconsolideerde balans per 31 december 2016 in plaats van opgenomen te worden als een geassocieerde onderneming. Rekening houdende met het feit dat deze transactie pas werd afgerond einde 2016, werd het resultaat van het boekjaar getoond als een resultaat van geassocieerde ondernemingen en joint ventures in het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten.
De controle over CMC Belgibo zal EXMAR in staat stellen om haar positie in het marktsegment van kredietverzekering te versterken.
In de periode van twaalf maanden eindigend op 31 december 2016, heeft CMC Belgibo USD -0,5 miljoen bijgedragen aan het resultaat van het Services segment. Indien de transactie zou plaatsgevonden hebben op 1 januari 2016, schat EXMAR dat de totale omzet van het Services segment (proportionele consolidatie methode) USD 47,6 miljoen zou geweest zijn en dat het resultaat van het Services segment voor de periode USD 0,7 miljoen zou geweest zijn.
| OVERGEDRAGEN VERGOEDING (IN KUSD) | |
|---|---|
| Eigen vermogen gehouden door Exmar voor de overname | 613 |
| Herwaardering naar reële waarde van het eigen vermogen aangehouden door Exmar voor overname (*) | 1.413 |
| Aankoopprijs voor de resterende 50,10% | 1.721 |
| 3.134 |
(*) De herwaardering naar reële waarde van het eigen vermogen van EXMAR voor de overname van USD 0,8 miljoen werd geregistreerd in het overzicht van gerealiseerde resultaten als overige bedrijfsopbrengsten.
Onderstaande tabel toont de verworven identifi ceerbare activa en de overgenomen verplichtingen op aankoopdatum volgens de voorlopige verdeling van de aankoopprijs.
| IDENTIFICEERBARE VERWORVEN ACTIVA EN AANGEGANE VERPLICHTINGEN | |
|---|---|
| Klantenportefeuille | 2.877 |
| Immateriële activa en andere materiële vaste activa | 21 |
| Handelsvorderingen | 218 |
| Kas en kasequivalenten | 1.207 |
| Handels- en overige schulden | -212 |
| Uitgestelde belastingsverplichting | -978 |
| 3.134 |
Per einde mei 2016 heeft EXMAR 60% van haar belang in de WARIBOKO verkocht aan haar Nigeriaanse partner Springview. Als gevolg hiervan verliest EXMAR controle over de WARIBOKO ondernemingen Springmarine Nigeria, Electra Offshore en Exview Hong Kong. De activa en passiva van deze vroegere dochterondernemingen worden gedeconsolideerd. De resterende participatie is geherwaardeerd naar reële waarde en wordt opgenomen in de consolidatie volgens de vermogensmutatiemethode. Het resterende eigendomspercentage in de WARIBOKO ondernemingen bedraagt 40%.
Als gevolg van de WAROBOKO transactie wordt er een winst van USD 0,9 miljoen erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten. De prijs voor het onderliggend platform bedroeg USD 17,4 miljoen waarvan het resterende saldo getoond wordt onder de leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures.
| Operationeel LPG |
Operationeel LNG |
Operationeel Offshore |
In aanbouw |
Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2015 | |||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2015 | 0 | 0 | 40.459 | 84.639 | 125.098 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | |||||
| Aankopen (*) | 18.700 | 44.008 | 62.708 | ||
| Verkopen | 0 | 0 | 0 | ||
| Omrekeningsverschillen | 0 | -30 | -30 | ||
| Transfer (**) | 0 | 23.180 | 23.180 | ||
| SALDO PER 31 DECEMBER 2015 | 0 | 0 | 59.159 | 151.797 | 210.956 |
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2016 | |||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2016 | 0 | 0 | 59.159 | 151.797 | 210.956 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | |||||
| Aankopen (***) | 0 | 0 | 11.031 | 11.031 | |
| Verkopen | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| Omrekeningsverschillen | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| Wijziging in consolidatie scope (****) | 118.500 | -18.700 | 0 | 99.800 | |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2016 | 118.500 | 0 | 40.459 | 162.828 | 321.787 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2015 | |||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2015 | 0 | 0 | 39.984 | 0 | 39.984 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | |||||
| Afschrijvingen | 1.981 | 1.981 | |||
| Verkopen | 0 | 0 | |||
| Omrekeningsverschillen | 0 | 0 | |||
| SALDO PER 31 DECEMBER 2015 | 0 | 0 | 41.965 | 0 | 41.965 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2016 | |||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2016 | 0 | 0 | 41.965 | 0 | 41.965 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | |||||
| Afschrijvingen | 3.029 | 736 | 3.765 | ||
| Verkopen | 0 | 0 | 0 | ||
| Omrekeningsverschillen | 0 | 0 | 0 | ||
| Wijziging in consolidatie scope (****) | 0 | -2.242 | -2.242 | ||
| SALDO PER 31 DECEMBER 2016 | 3.029 | 0 | 40.459 | 0 | 43.488 |
| NETTO BOEKWAARDE | |||||
| NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2015 | 0 | 0 | 17.194 | 151.797 | 168.991 |
| NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2016 | 115.471 | 0 | 0 | 162.828 | 278.299 |
(*) Het bareboat contract voor het accommodatieplatform WARIBOKO bevatte een aankoopoptie, deze optie werd gelicht door EXMAR einde februari 2015.
(**) De bovenstaand weergegeven transfer heeft betrekking op de FSRU dewelke getransfereerd werd vanuit de leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures naar de schepen in aanbouw. In de tweede jaarhelft van 2015 heeft EXMAR de volledige eigendom verworven van de FSRU (drijvende opslag-en hervergassingseenheid).
(***) De schepen in aanbouw hebben voornamelijk betrekking op de Caribbean FLNG en de FSRU. We verwijzen eveneens naar toelichting 30 in dit verband.
(****) Voor de wijziging in consolidatie scope met betrekking tot het LPG segment verwijzen we naar toelichting 9. Voor de wijziging in consolidatie scope betreffende het Offshore segment verwijzen we naar toelichting 10.
De schepen die in bovenstaand overzicht getoond worden onder "Operationeel LPG" werden in pand gegeven als zekerheid voor de onderliggende schulden. We verwijzen naar toelichting 23 voor meer informatie met betrekking tot deze onderliggende schulden.
| Terreinen en gebouwen |
Machines en uitrusting |
Meubilair en installatie |
Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2015 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2015 | 4.269 | 638 | 8.879 | 13.786 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Aanschaffi ngen | 0 | 291 | 698 | 989 |
| Verkopen / buitengebruikstellingen | 0 | 0 | -1.907 | -1.907 |
| Omrekeningsverschillen | -441 | -23 | -471 | -935 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2015 | 3.828 | 906 | 7.199 | 11.933 |
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2016 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2016 | 3.828 | 906 | 7.199 | 11.933 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Aanschaffi ngen | 0 | 100 | 184 | 284 |
| Verkopen / buitengebruikstellingen | 0 | -14 | -548 | -562 |
| Omrekeningsverschillen | -122 | -6 | -110 | -238 |
| Wijziging in consolidatie scope | 0 | 2 | 1 | 3 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2016 | 3.706 | 988 | 6.726 | 11.420 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2015 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2015 | 3.345 | 163 | 5.229 | 8.737 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Afschrijvingen | 30 | 275 | 1.060 | 1.365 |
| Verkopen / buitengebruikstellingen | 0 | 0 | -1.586 | -1.586 |
| Omrekeningsverschillen | -346 | -17 | -324 | -687 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2015 | 3.029 | 421 | 4.379 | 7.829 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2016 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2016 | 3.029 | 421 | 4.379 | 7.829 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Afschrijvingen | 30 | 253 | 923 | 1.206 |
| Verkopen / buitengebruikstellingen | 0 | -12 | -483 | -495 |
| Omrekeningsverschillen | -99 | -6 | -94 | -199 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2016 | 2.960 | 656 | 4.725 | 8.341 |
| NETTO BOEKWAARDE | ||||
| NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2015 | 799 | 485 | 2.820 | 4.104 |
| NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2016 | 746 | 332 | 2.001 | 3.079 |
| Concessies, octrooien, licenties, enz. |
Klanten portefeuille |
Totaal | |
|---|---|---|---|
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2015 | |||
| SALDO PER 1 JANUARI 2015 | 2.044 | 8.599 | 10.643 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | |||
| Aanschaffi ngen | 571 | 0 | 571 |
| Verkopen / buitengebruikstellingen | -17 | 0 | -17 |
| Omrekeningsverschillen | -286 | 0 | -286 |
| Transfer | 307 | -307 | 0 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2015 | 2.619 | 8.292 | 10.911 |
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2016 | |||
| SALDO PER 1 JANUARI 2016 | 2.619 | 8.292 | 10.911 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | |||
| Aanschaffi ngen | 213 | 0 | 213 |
| Verkopen / buitengebruikstellingen | -6 | 0 | -6 |
| Omrekeningsverschillen | -58 | 0 | -58 |
| Wijziging in consolidatie scope (*) | 18 | 2.877 | 2.895 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2016 | 2.786 | 11.169 | 13.955 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2015 | |||
| SALDO PER 1 JANUARI 2015 | 1.097 | 5.791 | 6.888 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | |||
| Afschrijvingen | 424 | 1.404 | 1.828 |
| Verkopen / buitengebruikstellingen | -17 | 0 | -17 |
| Omrekeningsverschillen | -156 | 0 | -156 |
| Transfer | 193 | -193 | 0 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2015 | 1.541 | 7.002 | 8.543 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2016 | |||
| SALDO PER 1 JANUARI 2016 | 1.541 | 7.002 | 8.543 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | |||
| Afschrijvingen | 523 | 1.290 | 1.813 |
| Verkopen / buitengebruikstellingen | -1 | 0 | -1 |
| Omrekeningsverschillen | -51 | 0 | -51 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2016 | 2.012 | 8.292 | 10.304 |
| NETTO BOEKWAARDE | |||
| NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2015 | 1.078 | 1.290 | 2.368 |
| NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2016 | 774 | 2.877 | 3.651 |
(*) De wijziging in consolidatie scope heeft betrekking op de 100% acquisitie van CMC Belgibo, ervoor opgenomen in de consolidatie volgens de vermogensmutatiemethode. We verwijzen naar toelichting 9 voor verdere informatie.
(in duizenden USD)
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| INVESTERINGEN IN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES | ||
| SALDO PER 1 JANUARI | 132.816 | 172.575 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||
| Aandeel in de winst/ het verlies (-) | 34.572 | 35.180 |
| Door de groep ontvangen dividenden | -34.067 | -88.642 |
| Wijzigingen in scope (*) | 11.681 | 0 |
| Toewijzing negatief eigen vermogen (**) | 408 | 15.459 |
| Omrekeningsverschillen | 1.067 | -731 |
| Wijzigingen in het geconsolideerd overzicht van niet-gerealiseerde resultaten van geassocieerde ondernemin gen en joint ventures |
2.237 | -896 |
| Overige | -1.116 | -129 |
| SALDO PER 31 DECEMBER | 147.598 | 132.816 |
(*) De wijzigingen in de consolidatie scope hebben betrekking op de CMC Belgibo transactie voor een bedrag van USD -0,6 miljoen (zie toelichting 9 voor meer informatie betreffende deze transactie) en op de WARIBOKO transactie voor een bedrag van USD 12,3 miljoen (zie toelichting 10 voor verdere informatie aangaande deze transactie). De pressurized vloot transactie (zie toelichting 9 voor meer informatie met betrekking tot deze transactie) heeft geen effect op de investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures aangezien het negatief eigen vermogen toegewezen werd aan de leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures.
(**) De geassocieerde ondernemingen en joint ventures waarvan het aandeel in het eigen vermogen negatief is, worden toegewezen aan de andere componenten van het belang van de investeerder in de geassocieerde onderneming of joint venture. Wanneer het negatieve eigen vermogen dit belang overtreft, dan wordt een corresponderende verplichting geregistreerd in dit verband.
EXMAR heeft alle bestaande gezamenlijke overeenkomsten geanalyseerd en heeft hieruit geconcludeerd dat alle gezamenlijke overeenkomsten joint ventures betreffen en dit in overeenstemming met IFRS 11 "gezamenlijke overeenkomsten".
EXMAR heeft garanties geboden aan fi nanciële instellingen dewelke fi nancieringen hebben toegekend aan haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures. Per 31 decmber 2016, stond een bedrag van USD 602 miljoen (2015: USD 614,8 miljoen) open onder dergelijke fi nancieringen, waarvan EXMAR USD 301 miljoen gegarandeerd heeft (2015: USD 307,4 miljoen). We verwijzen in dit verband eveneens naar toelichting 28.
Als gevolg van wettelijke verplichtingen en fi nancieringsovereenkomsten, kunnen onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures beperkt zijn in het betalen van dividenden of in het terugbetalen van aandeelhoudersleningen. Onder de fi nancieringsovereenkomsten kunnen onze geassocieerde ondernemingen of joint ventures enkel een vergoeding uitkeren wanneer er geen convenanten worden geschonden. Onder het Wetboek van Vennootschappen kan er geen vergoeding van kapitaal plaats vinden wanneer het eigen vermogen lager is dan of als gevolg van de uitkering zou dalen onder, het gestorte kapitaal verhoogd met de onbeschikbare reserves.
Voor de schepen welke in gezamenlijke eigendom worden aangehouden, werden interne en externe aanwijzigingen geëvalueerd dewelke aangeven dat de vloot al dan niet getest dient te worden op het bestaan van een mogelijke waardevermindering. Op het niveau van de joint ventures en geassocieerde ondernemingen, werd de boekwaarde van de vloot vergeleken met de realiseerbare waarde van de vloot, dewelke de hoogste waarde is van de reële waarde verminderd met de verkoopskosten en de gebruikswaarde. De reële waarde verminderd met de verkoopskosten is gebaseerd op de gemiddelde reële waarde zoals vastgesteld door twee onafhankelijke scheepsmakelaars. De gebruikswaarde is gebaseerd op de verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tot hun huidige waarde en rekening houdende met huidge marktverwachtingen met betrekking tot vrachttarieven, personeelskosten en operationele kosten. Het verdisconteerde kasstroommodel gebruikt door het management omvat kasstromen voor de resterende levensduur van de vloot. Kasstromen voor de eerste drie jaren worden ingeschat door het management zowel gebaseerd op ervaring uit het verleden als op huidige marktverwachtingen met betrekking tot volumes en vrachttarieven. Vrachttarieven en operationele kosten na deze periode van drie jaar worden verwacht te evolueren in lijn met de geschatte infl atie. De gebruikte verdisconteringsvoet is een gewogen gemiddelde kapitaalkost van 6,3%. Er werden geen indicatoren voor een bijzondere waardevermindering geïdentifi ceerd en er werden geen andere testen voor bijzondere waardeverminderingen uitgevoerd.
JOINT VENTURES (in duizenden USD)
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| ACTIVA | ||
| Investeringen in joint ventures | 140.364 | 127.645 |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen | 7.234 | 5.171 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 371.505 | 400.545 |
| 519.103 | 533.361 | |
| VERPLICHTINGEN | ||
| Investeringen in joint ventures | 0 | 0 |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen | 0 | 0 |
| 0 | 0 |
| Segment | JV partner | Beschrijving activiteiten | |
|---|---|---|---|
| JOINT VENTURES | |||
| Estrela Ltd | Offshore | ASS | Eigenaar van 1 accommodatie platform |
| Excelerate NV | LNG | EXCELERATE ENERGY | Eigenaar van 1 LNGRV |
| Excelsior BVBA | LNG | TEEKAY | Eigenaar van 1 LNGRV |
| Exmar Gas Shipping Ltd | LPG | TEEKAY | Eigenaar van 2 midsize schepen waarvan 1 aangehouden voor verkoop |
| Exmar LPG BVBA | LPG | TEEKAY | Holding vennootschap voor Exmar-Teekay LPG activiteiten |
| Exmar Shipping BVBA | LPG | TEEKAY | Eigenaar van 19 midsize schepen waarvan 4 in aanbouw, 1 schip onder fi nanciële leasing |
| Explorer NV | LNG | EXCELERATE ENERGY | Eigenaar van 1 LNGRV |
| Express NV | LNG | EXCELERATE ENERGY | Eigenaar van 1 LNGRV |
| Good Investment Ltd | LPG | TEEKAY | Time-charter overeenkomst 1 VLGC |
| Monteriggioni Inc | LNG | MOL | Eigenaar van 1 LNG tanker |
| Reslea NV | Services | CMB | Eigenaar van vastgoed |
| Solaia Shipping Llc | LNG | TEEKAY | Eigenaar van 1 LNG tanker |
De ondernemingen opgenomen in EXMAR's pressurized vloot worden niet langer geclassifi ceerd als joint ventures door de 100% acquisitie van de aandelen. Als gevolg hiervan worden deze ondernemingen niet langer opgenomen in bovenstaande lijst van joint ventures (we verwijzen ook naar toelichting 9 van dit jaarverslag).
| Segment | Beschrijving activiteiten | |
|---|---|---|
| GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN | ||
| Bexco NV | Services | Produceert touwen voor de martieme en offshore industrie |
| Electra Offshore Ltd | Offshore | Eigenaar van 1 accommodatie platform |
| Exview Hong Kong Ltd | Offshore | Bareboat eigenaar van 1 accommodatie platform |
| Marpos NV | Services | Levert afvaloplossingen voor de maritieme industrie |
| Springmarine Nigeria Ltd | Offshore | Time-charter overeenkomst 1 accommodatie platform |
CMC Belgibo is niet langer opgenomen in bovenstaande lijst van geassocieerde ondernemingen. Vanaf einde 2016 is deze onderneming een 100% groepsmaatschappij (zie ook toelichting 9 voor verdere informatie). Electra Offshore, Exview Hong Kong en Springmarine Nigeria werden opgenome onder geassocieerde ondernemingen vanaf 2016 (zie ook toelichting 10 voor meer informatie).
De fi nanciële informatie hieronder gepresenteerd omvat de IFRS cijfers van de joints ventures en de geassocieerde ondernemingen en niet EXMAR's deel van deze cijfers. Voor de investeringsverplichtingen, voorwaardelijke verplichtingen en de operationele lease verplichtingen van de joint ventures en geassocieerde ondernemingen, verwijzen we naar note 29, 30 en 31.
| JOINT VENTURE PARTNER | WAH KWONG | TEEKAY | EELP | MOL | TEEKAY |
|---|---|---|---|---|---|
| SEGMENT | LPG (*) |
LPG | LNG | LNG | LNG |
| PERCENTAGE EIGENDOMSBELANG | 100% | 50% | 50% | 50% | 50% |
| 31 DECEMBER 2016 | |||||
| Vaste activa | 577.652 | 557.561 | 93.725 | 181.370 | |
| Vlottende activa | 85.491 | 14.226 | 15.311 | 52.239 | |
| waarvan kas en kasequivalenten | 32.394 | 10.989 | 13.651 | 50.177 | |
| Verplichtingen op lange termijn | 473.830 | 556.930 | 121.563 | 148.830 | |
| waarvan bankleningen | 346.700 | 0 | 0 | 148.750 | |
| waarvan overige leningen | 117.735 | 556.930 | 121.563 | 0 | |
| Verplichtingen op korte termijn | 70.981 | 57.525 | 1.365 | 15.318 | |
| waarvan bankleningen | 55.536 | 0 | 0 | 8.750 | |
| waarvan overige leningen | 0 | 43.443 | 0 | 0 | |
| Opbrengsten | 157.065 | 105.658 | 20.030 | 49.538 | |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 33.929 | 21.120 | 5.008 | 10.621 | |
| Intrestopbrengsten | 1.233 | 30 | 22 | 14 | |
| Intrestkosten | 17.173 | 35.266 | 2.062 | 6.912 | |
| Belastingen | 0 | 1 | 0 | 0 | |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | 33.140 | 5.876 | 4.965 | 20.324 | |
| Niet-gerealiseerde resultaten | 3.893 | 0 | 0 | 368 | |
| TOTAAL VAN GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN |
37.033 | 5.876 | 4.965 | 20.692 | |
| EIGEN VERMOGEN (100%) | 118.332 | -42.668 | -13.892 | 69.461 | |
| AANDEEL VAN EXMAR IN HET EIGEN VERMOGEN | 59.166 | -21.334 | -6.946 | 34.731 | |
| AANDEEL GROEP IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALI SEERDE RESULTATEN PER 1 JANUARI 2016 |
-11.632 | 56.699 | -24.272 | -9.429 | 31.885 |
| Aandeel van de groep in totaal van gerealiseerde en niet-gereali seerde resultaten |
-826 | 18.517 | 2.938 | 2.483 | 10.346 |
| Door de groep ontvangen dividenden | 0 | -15.000 | 0 | 0 | -7.500 |
| Andere | 0 | -1.050 | 0 | 0 | 0 |
| AANDEEL GROEP IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALI SEERDE RESULTATEN PER 31 DECEMBER 2016 |
-12.458 | 59.166 | -21.334 | -6.946 | 34.731 |
| TOEWIJZING NEGATIEF EIGEN VERMOGEN | 12.458 | 2.753 | 46.434 | 6.946 | 0 |
| AANDEEL GROEP IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALI SEERDE RESULTATEN PER 31 DECEMBER 2016 NA TOEWIJZING NEGATIEF EIGEN VERMOGEN |
0 | 61.919 | 25.101 | 0 | 34.731 |
(*) Per einde juni 2016 heeft EXMAR een akkoord bereikt over de acquisitie van de resterende 50% aangehouden door Wah Kwong. We verwijzen naar toelichting 9 in dit verband. Als een gevolg hiervan worden deze vennootschappen niet langer beschouwd als joint ventures en worden ze niet langer opgenomen in de consolidatie als joint ventures.
(**) Per einde 2016 heeft EXMAR de resterende 50,10% verworven in CMC belgibo. We verwijzen naar toelichting 9 van dit jaarverslag. Als gevolg van deze transactie wordt CMC Belgibo volledig geconsolideerd in de geconsolideerde balans per 31 december 2016 in plaats van opgenomen als een geassocieerde onderneming.
(***) Per einde mei 2016 heeft EXMAR 60% van haar belang in de WARIBOKO verkocht aan haar Nigeriaanse partner Springview. We verwijzen naar toelichting 10 van dit jaarverslag. De resterende participatie is gerherwaardeerd naar reële waarde en wordt opgenomen in de consolidatie volgens de vermogensmutatiemethode.
(****) De toewijzing van het negatief eigen vermogen werd gealloceerd aan de respectievelijke joint venture of geassocieerde onderneming.
| ASS CMB |
GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN | OFFSHORE | ANDEREN | TOTAAL | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Offshore | Diensten | Diensten Bexco |
Diensten CMC Belgibo (**) |
Diensten Marpos |
WARIBOKO ondernemingen (***) |
|||
| 50% 50% |
45% | 49.90% | 45% | 40% | 50% | Toewijzing negatief eigen vermogen |
||
| 26.614 | 17.739 | 8.744 | 129 | 16.291 | 1.479.825 | |||
| 9.673 | 12.532 | 7.467 | 726 | 17.973 | 215.638 | |||
| 7.791 | 323 | 258 | 381 | 5.736 | 121.700 | |||
| 6.184 | 19.312 | 5.327 | 0 | 14.081 | 1.346.057 | |||
| 6.000 | 19.248 | 4.852 | 0 | 0 | 525.550 | |||
| 0 | 0 | 0 | 0 | 14.081 | 810.309 | |||
| 4.576 | 2.743 | 3.000 | 449 | 14.486 | 170.443 | |||
| 4.000 | 1.476 | 998 | 0 | 0 | 70.760 | |||
| 0 | 0 | 0 | 0 | 4.593 | 48.036 | |||
| 15.251 | 1.926 | 22.070 | 1.731 | 47.862 | 421.131 | |||
| 2.969 | 1.044 | 1.466 | 61 | 1.847 | 78.065 | |||
| 24 | 1 | 0 | 0 | 0 | 1.324 | |||
| 508 | 353 | 177 | 3 | 1.643 | 64.097 | |||
| 0 | 105 | 1 | 0 | 0 | ||||
| 3.981 | 967 | -610 | 0 | 112 | 8.071 | 76.826 | ||
| 213 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 4.474 | ||
| 4.194 | 967 | -610 | 0 | 112 | 8.071 | 81.300 | ||
| 25.527 | 8.216 | 7.884 | 0 | 406 | 5.696 | |||
| 12.764 | 4.108 | 3.541 | 0 | 183 | 2.278 | |||
| 10.667 | 3.736 | 3.931 | 1.103 | 139 | 0 | 66 | 69.925 (****) | 132.816 |
| 2.097 | 484 | -274 | -464 | 51 | 1.458 | 0 | 36.809 | |
| 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | -11.567 | 0 | -34.067 | |
| 0 | -112 | -116 | -639 | -7 | 13.622 | -66 | 11.632 | |
| 12.764 | 4.108 | 3.541 | 0 | 183 | 3.513 | 0 | 77.266 | |
| 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 1.741 | 0 | 70.332 | |
| 12.764 | 4.108 | 3.541 | 0 | 183 | 5.254 | 0 | 147.598 |
| JOINT VENTURE PARTNER | WAH KWONG | TEEKAY | EELP | MOL |
|---|---|---|---|---|
| SEGMENT | LPG | LPG | LNG | LNG |
| PERCENTAGE EIGENDOMSBELANG | 100% | 50% | 50% | 50% |
| 31 DECEMBER 2015 | ||||
| Vaste activa | 134.546 | 572.070 | 578.681 | 96.932 |
| Vlottende activa | 8.578 | 102.306 | 25.676 | 12.713 |
| waarvan kas en kasequivalenten | 5.824 | 74.014 | 15.810 | 8.041 |
| Verplichtingen op lange termijn | 152.191 | 511.000 | 585.821 | 125.563 |
| waarvan leningen | 152.191 | 508.848 | 585.820 | 125.563 |
| Verplichtingen op korte termijn | 14.197 | 49.979 | 67.079 | 2.939 |
| waarvan leningen | 8.983 | 39.339 | 46.109 | 0 |
| Opbrengsten | 23.648 | 173.247 | 97.682 | 22.213 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 35.723 | 30.942 | 21.120 | 5.407 |
| Intrestopbrengsten | 9 | 968 | 18 | 0 |
| Intrestkosten | 1.759 | 11.716 | 35.016 | 1.728 |
| Belastingen | 0 | 55 | 0 | 0 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | -30.788 | 64.826 | 4.391 | 7.413 |
| Niet-gerealiseerde resultaten | 0 | -2.152 | 0 | 0 |
| TOTAAL VAN GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | -30.788 | 62.674 | 4.391 | 7.413 |
| EIGEN VERMOGEN (100%) | -23.264 | 113.397 | -48.543 | -18.857 |
| AANDEEL VAN EXMAR IN HET EIGEN VERMOGEN | -11.632 | 56.699 | -24.272 | -9.429 |
| AANDEEL GROEP IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN PER 1 JANUARI 2015 |
3.762 | 80.490 | -26.467 | -13.135 |
| Aandeel van de groep in totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | -15.394 | 31.337 | 2.196 | 3.707 |
| Door de groep ontvangen dividenden | 0 | -55.000 | 0 | 0 |
| Andere | 0 | -128 | 0 | 0 |
| AANDEEL GROEP IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN PER 31 DECEMBER 2015 |
-11.632 | 56.699 | -24.272 | -9.429 |
(*****) Een deel van "toewijzing negatief eigen vermogen" werd toegewezen aan Teekay LNG.
| TEEKAY | ASS | CMB | GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN | ANDEREN | TOTAAL | |||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| LNG | Offshore | Diensten | Diensten Bexco |
Diensten CMC Belgibo |
Diensten Marpos |
|||
| 50% | 50% | 50% | 45% | 49.90% | 45% | 50% | Toewijzing negatief eigen vermogen |
|
| 191.622 | 30.283 | 19.287 | 4.133 | 1.041 | 159 | 0 | 1.628.754 | |
| 45.266 | 5.642 | 2.824 | 13.803 | 1.270 | 473 | 136 | 218.687 | |
| 42.512 | 5.605 | 181 | 151 | 964 | 215 | 0 | 153.317 | |
| 157.580 | 10.397 | 12.132 | 752 | 4 | 0 | 4 | 1.555.444 | |
| 157.500 | 10.000 | 12.075 | 698 | 0 | 0 | 4 | 1.552.699 | |
| 15.538 | 4.195 | 2.507 | 8.432 | 96 | 323 | 0 | 165.285 | |
| 8.750 | 4.000 | 1.709 | 2.766 | 0 | 0 | 0 | 111.656 | |
| 49.845 | 14.803 | 2.030 | 22.990 | 1.201 | 1.231 | 0 | 408.890 | |
| 10.353 | 2.969 | 1.050 | 1.230 | 1.041 | 73 | 0 | 109.908 | |
| 5 | 4 | 1 | 0 | 9 | 1 | 1 | 1.016 | |
| 6.748 | 677 | 342 | 153 | 9 | 3 | 0 | 58.151 | |
| 0 | 0 | 306 | 1 | 86 | 1 | 0 | 449 | |
| 26.466 | 3.276 | 361 | 743 | -1.035 | -278 | 13 | 75.388 | |
| 101 | 257 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | -1.794 | |
| 26.567 | 3.533 | 361 | 743 | -1.035 | -278 | 13 | 73.594 | |
| 63.770 | 21.333 | 7.472 | 8.752 | 2.211 | 309 | 132 | ||
| 31.885 | 10.667 | 3.736 | 3.931 | 1.103 | 139 | 66 | ||
| 50.101 | 10.900 | 3.825 | 3.963 | 1.685 | 291 | 201 | 56.959 | 172.575 |
| 10.792 | 1.767 | 181 | 334 | -514 | -125 | 7 | 34.284 | |
| -31.500 | -2.000 | 0 | 0 | 0 | 0 | -142 | -88.642 | |
| 2.492 | 0 | -270 | -366 | -68 | -27 | 0 | 12.966 (*) | 14.599 |
| 31.885 | 10.667 | 3.736 | 3.931 | 1.103 | 139 | 66 | 69.925 | 132.816 |
(in duizenden USD)
| LPG | LNG | Offshore | Diensten | Totaal | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| LENINGEN AAN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES | |||||||||||
| PER 1 JANUARI 2015 | 123.228 | 359.148 | 0 | 0 | 482.376 | ||||||
| Nieuwe leningen | 1.262 | 250 | 1.512 | ||||||||
| Terugbetalingen | -25.500 | -19.815 | -45.315 | ||||||||
| Wijzigingen in toegewezen negatief eigen vermogen (*) | -15.880 | 421 | -15.459 | ||||||||
| Gekapitaliseerde intresten | 523 | 88 | 611 | ||||||||
| Overige (**) | 0 | -23.180 | -23.180 | ||||||||
| PER 31 DECEMBER 2015 | 83.633 | 316.912 | 0 | 0 | 400.545 | ||||||
| MEER DAN ÉÉN JAAR | 83.633 | 292.775 | 0 | 0 | 376.408 | ||||||
| MINDER DAN ÉÉN JAAR | 0 | 24.137 | 0 | 0 | 24.137 |
| LPG | LNG | Offshore | Diensten | Totaal | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| LENINGEN AAN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES | |||||||||||
| PER 1 JANUARI 2016 | 83.633 | 316.912 | 0 | 0 | 400.545 | ||||||
| Nieuwe leningen | 1.245 | 0 | 3.994 | 5.239 | |||||||
| Terugbetalingen | 0 | -18.774 | 0 | -18.774 | |||||||
| Wijzigingen in toegewezen negatief eigen vermogen (*) | 1.150 | 183 | -1.741 | -408 | |||||||
| Gekapitaliseerde intresten | 673 | 131 | 1.198 | 2.002 | |||||||
| Wijziging in consolidatie scope (***) | -30.582 | 0 | 13.483 | -17.099 | |||||||
| PER 31 DECEMBER 2016 | 56.119 | 298.452 | 16.934 | 0 | 371.505 | ||||||
| MEER DAN ÉÉN JAAR | 56.119 | 275.452 | 12.341 | 0 | 343.912 | ||||||
| MINDER DAN ÉÉN JAAR | 0 | 23.000 | 4.593 | 0 | 27.593 |
(*) De geassocieerde ondernemingen en joint ventures waarvan het aandeel in het eigen vermogen negatief is, worden toegewezen aan de andere componenten van het belang van de investeerder in de geassocieerde onderneming of joint venture. Wanneer het negatieve eigen vermogen dit belang overtreft, dan wordt een corresponderende verplichting geregistreerd in dit verband.
(**) De overige beweging heeft betrekking op de FSRU dewelke getransfereerd werd van de leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures naar de schepen in aanbouw. In de tweede jaarhelft van 2015 heeft EXMAR de volledige eigendom verworven van de FSRU (drijvende opslag-en hervergassingseenheid).
(***) De wijziging in consolidatie scope aangaande het LPG segment wordt verder uitgelegd in toelichting 9 van dit jaarverslag. De wijziging in consolidatie scope met betrekking tot het Offshore segment wordt verder toegelicht in toelichting 10 van dit jaarverslag.
De activiteiten en activa van een aantal van onze joint ventures en geassocieerde ondernemingen worden gefi nancierd door aandeelhoudersleningen toegekend door EXMAR aan de respectievelijke joint ventures en geassocieerde ondernemingen. Het korte termijn gedeelte van deze leningen wordt gepresenteerd als overige vordering. De saldo's vermeld tussen haakjes vertegenwoordigen de uitstaande vorderingen inclusief toewijzing negatief eigen vermogen.
In 2004 heeft Excelerate 258 achtergestelde obligaties uitgegeven aan respectievelijk EXMAR en Taurus Charitable Income Trust, een verbonden onderneming van Excelerate Energy, aan een vaste intrestvoet van 5,25%. Elke obligatie vertegenwoordigt een bedrag van USD 398.400. De obligatielening vervalt in 2018. De obligatielening omvat verplichte terugbetalingsclausules wanneer bepaalde voorwaardelijke gebeurtenissen zich voordoen, alsook vrijwillige terugbetalingsclausules. EXMAR heeft recht op een hypotheek in eerste rang op het schip Excelerate, maar heeft dit voordeel doorgegeven aan haar kredietverstrekkers. De obligaties werden in pand gegeven als zekerheid voor de onderliggende fi nanciële schulden. We verwijzen naar toelichting 23 voor verdere informatie in verband met deze onderliggende schulden. Beide aandeelhouders van Excelerate NV hebben ook een krediet faciliteit toegekend voor een bedrag tot USD 8 miljoen om werkkapitaalbehoeften te fi nancieren. Het intrest percentage op deze werkkapitaal faciliteit bedraagt LIBOR USD 3 maanden + 0,60%.
EXMAR heeft twee aandeelhoudersleningen toegekend aan Explorer en Express, respectievelijk in 2008 en 2009. Op deze leningen is gedeeltelijk een variabele intrestvoet van toepassing (LIBOR USD 3 maanden + 0,9%) en gedeeltelijk een vaste intrestvoet (15%). Deze leningen worden terugbetaald over 25 jaar in driemaandelijkse termijnen. De aandeelhoudersleningen omvatten verplichte terugbetalingsclausules wanneer bepaalde voorwaardelijke gebeurtenissen zich voordoen, waaronder de verkoop of het totaal verlies van de schepen. EXMAR heeft recht op een hypotheek in eerste rang op de schepen Explorer & Express, maar heeft dit voordeel doorgegeven aan haar kredietverstrekkers. De aandeelhoudersleningen werden in pand gegeven als zekerheid voor de onderliggende fi nanciële schulden. We verwijzen naar toelichting 23 voor verdere informatie in verband met deze onderliggende schulden. EXMAR NV en Excelerate Energy LP hebben ook een krediet faciliteit toegekend aan Explorer voor een bedrag tot USD 15 miljoen om werkkapitaalbehoeften te fi nancieren. Het intrest percentage op deze werkkapitaal faciliteit bedraagt LIBOR USD 3 maanden + 0,60%.
Beide aandeelhouders hebben aandeelhoudersleningen toegekend aan EXMAR LPG in 2013. Terugbetalingen gebeuren afhankelijk van de beschikbaarheid van liquiditeiten en alleen indien zulke terugbetaling niet resulteert in een inbreuk op de fi nanciële convenanten van de bankleningen bij EXMAR LPG. Het van toepassing zijnde intrest percentage op deze aandeelhoudersleningen bedraagt LIBOR USD 3 maanden + 0,5%.
Beide aandeelhouders hebben aandeelhoudersleningen toegekend aan Monteriggioni in 2001. Terugbetalingen gebeuren afhankelijk van de beschikbaarheid van liquiditeiten. Het van toepassing zijnde intrest percentage op deze aandeelhoudersleningen bedraagt LIBOR USD 6 maanden + 1%.
EXMAR Nederland heeft een aandeelhouderslening toegekend aan Electra Offshore Ltd. Als gevolg van een wijziging in consolidatie scope, wordt de vordering ten opzichte van Electra Offshote Ltd niet langer geëlimineerd in de geconsolideerde cijfers van 2016. De betreffende aandeelhouderslening werd heronderhandeld als gevolg van de gedeeltelijke verkoop. De lening wordt terugbetaald afhankelijk van de beschikbaarheid van liquiditeiten. Het intrest percentage op deze faciliteit bedraagt een vast percentage van 12%.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| VOOR VERKOOP BESCHIKBARE AANDELEN | ||
| Niet genoteerde aandelen (*) | 1.454 | 1.526 |
| Genoteerde aandelen (**) | 2.154 | 1.961 |
| 3.608 | 3.487 |
(*) De niet genoteerde aandelen betreffen 149 aandelen van Sibelco dewelke werden verworven in 2014.
(**) De genoteerde aandelen hebben betrekking op 149.089 aandelen van Teekay (ISIN code MHY8564M1057) aan een koers van USD 14,45. Als gevolg van een belangrijke en aanhoudende daling in de reële waarde van de Teekay en de Sibelco aandelen, werd de reële waardereserve van USD 4 miljoen die werd opgebouwd in het verleden, verwerkt via de verlies-en winstrekening. De wijziging in de reële waarde van het huidige boekjaar bedraagt USD 0,1 miljoen en werd eveneens verwerkt via de verlies-en winstrekening.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| HANDELS- EN OVERIGE VORDERINGEN | ||
| Handelsvorderingen | 23.548 | 23.970 |
| Kaswaarborgen | 323 | 270 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures (korte termijn) | 27.593 | 24.137 |
| Overige vorderingen | 5.230 | 6.139 |
| Over te dragen kosten (*) | 5.076 | 9.145 |
| Te ontvangen opbrengsten (*) | 953 | 1.008 |
| 62.723 | 64.669 | |
| WAARVAN FINANCIËLE ACTIVA (TOELICHTING 28) | 54.152 | 51.788 |
(*) "Over te dragen kosten" omvat kosten die reeds werden gefactureerd, maar betrekking hebben op volgende boekjaren, zoals huur, verzekeringen, commissies, brandstoffen,..."Te ontvangen opbrengsten" omvat opbrengsten die nog niet werden gefactureerd maar wel betrekking hebben op het lopend boekjaar, zoals intresten...
De blootstelling van de Groep aan krediet- en valutarisico's en waardeverminderingsverliezen met betrekking tot handels- en overige vorderingen wordt toegelicht in toelichting 28.
| Vorderingen | Verplichtingen | Vorderingen | Verplichtingen | |
|---|---|---|---|---|
| 31 December 2016 | 31 December 2015 | |||
| UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN IN DETAIL | ||||
| Voorzieningen | 618 | 0 | 613 | |
| Personeelsbeloningen | 5.151 | 0 | 4.767 | |
| Klantenportefeuille (*) | 0 | 978 | 0 | |
| UITGESTELDE BELASTINGVORDERING / VERPLICHTING | 5.769 | 978 | 5.380 | 0 |
| Niet-erkenning belastingvordering (**) | -5.769 | 0 | -5.380 | |
| 0 | 978 | 0 | 0 |
| NIET ERKENDE UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN (**) | ||||
|---|---|---|---|---|
| Aftrekbare tijdelijke verschillen (33,99%) | 5.769 | 5.380 | ||
| Niet gebruikte belastinglatenties (***) | 58.391 | 57.109 | ||
| 64.160 | 0 | 62.489 | 0 |
(*) Een uitgestelde belastingsverplichting werd geboekt op de geregistreerde klantenportefeuille als gevolg van de CMC Belgibo transactie (zie toelichting 9 voor meer informatie in dit verband).
(**) De uitgestelde belastingvordering werd niet erkend aangezien het niet waarschijnlijk is dat toekomstige belastbare winsten beschikbaar zullen zijn tegen dewelke de Groep deze latenties kan gebruiken of omdat de Groep deze toekomstige belastbare winsten niet kan inschatten op een betrouwbare basis.
(***) De niet gebruikte belastinglatenties zijn bijna volledig onbeperkt in de tijd bruikbaar.
| 2016 | 2015 (*) | |
|---|---|---|
| KAS EN KASEQUIVALENTEN | ||
| GEBLOKKEERDE KASEQUIVALENTEN | 34.891 | 42.332 |
| Bank | 105.385 | 128.210 |
| Kas | 168 | 158 |
| Geldbeleggingen | 15.543 | 1.601 |
| NETTO KAS EN KASEQUIVALENTEN | 121.096 | 129.969 |
(*) De presentatie van kas en kasequivalenten met betrekking tot 2015 werd gewijzigd. Het bedrag van USD 172,3 miljoen werd opgesplitst in geblokkeerde kasequivalenten en kas en kasequivalenten.
De geblokkeerde kasequivalenten hebben betrekking op de Explorer/ Express kredietfaciliteit (zie ook toelichting 23) en op fi nanciële instrumenten overeenkomsten met betrekking tot de NOK obligatielening (zie ook toelichting 23 en 28).
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| AANTAL GEWONE AANDELEN | ||
| Uitgegeven per 1 januari | 59.500.000 | 59.500.000 |
| Uitgegeven aandelen per 31 december - volstort | 59.500.000 | 59.500.000 |
De aandelen zijn zonder vermelding van nominale waarde. De houders van gewone aandelen zijn gerechtigd tot dividend en hebben recht om per aandeel één stem uit te brengen tijdens de Algemene Vergadering van de vennootschap.
In September 2016 heeft de Raad van Bestuur de betaling van een interimdividend voor een bedrag van 0,10 EUR per aandeel goedgekeurd. Het voorgestelde dividend voor 2015 van 0,2 EUR per aandeel werd door de Algemene Vergadering in mei 2016 goedgekeurd. Beide dividenden werden verwerkt als een uitkering aan de aandeelhouders in 2016.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| BETAALD DIVIDEND (IN DUIZENDEN USD) | ||
| Bruto interimdividend per aandeel (in EUR) | 0,10 | 0,10 |
| Gehanteerde koers: | 1.1132 | 1.1215 |
| Interimdividenduitkering (in duizenden USD) | 6.317 | 6.370 |
| Dividenduitkering (in duizenden USD) | 12.942 | 19.083 |
| TOTAAL UITGEKEERD AAN AANDEELHOUDERS (IN DUIZENDEN USD) | 19.259 | 25.453 |
Na balansdatum heeft de Raad van Bestuur een slotdividendvoorstel gedaan voor 2016 van 0,10 EUR per aandeel (0,10 EUR per aandeel waarvan 0,10 EUR per aandeel betaald als interim dividend). Dit slotdividend is nog niet goedgekeurd door de Algemene Vergadering.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| VOORGESTELD DIVIDEND (IN DUIZENDEN USD) | ||
| Bruto dividend per aandeel (in EUR) | 0,00 | 0.20 |
| Gehanteerde koers: | 1.0541 | 1.0887 |
| Voorgestelde dividenduitkering (in duizenden USD) | 0 | 12,956 |
De reserve voor eigen aandelen omvat de kostprijs van de aandelen van EXMAR die door de Groep worden aangehouden.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| EIGEN AANDELEN | ||
| Aantal eigen aandelen gehouden per 31 december (*) | 2.677.433 | 2.774.133 |
| Boekwaarde van de eigen aandelen (in duizenden USD) | 52.236 | 54.123 |
| Gemiddelde kostprijs per aandeel (in EUR) - historische waarde | 14.1507 | 14.1507 |
(*) 96.700 eigen aandelen zijn verkocht gedurende 2016 naar aanleiding van de uitoefening van opties tijdens het jaar.
De omrekeningsreserve omvat koersverschillen die ontstaan uit de omrekening van in de consolidatie opgenomen balansen en winst- en verliesrekeningen opgemaakt in een andere munt dan de consolidatiemunt.
De reële waardereserve omvat de cumulatieve netto wijziging in de reële waarde van de voor verkoop beschikbare beleggingen tot dat deze beleggingen niet langer in de balans worden opgenomen.
Als gevolg van een belangrijke en aanhoudende daling in de reële waarde van de Teekay en de Sibelco aandelen, werd de reële waardereserve van USD 4 miljoen die werd opgebouwd in het verleden, verwerkt via de verlies-en winstrekening. De wijziging in de reële waarde van het huidige boekjaar bedraagt USD 0,1 miljoen en werd eveneens verwerkt via de verlies-en winstrekening.
De afdekkingsreserve bestaat uit het effectieve deel van de cumulatieve netto wijzigingen in de reële waarde van kasstroomafdekkingsinstrumenten met betrekking tot de afgedekte transacties.
In 2014 heeft EXMAR een "cross currency interest rate swap" (CCIRS) afgesloten om haar risico in te dekken met betrekking tot de uitgegeven obligatielening in NOK. In juli 2015 werd een nieuwe CCIRS afgesloten voor de extra opname van 300 miljoen NOK (zie ook toelichting 23 en 28 in dit verband).
In bepaalde van onze joint ventures werden interest rate swaps (IRS) contracten afgesloten om het variabel intrest risico in te dekken.
De fi nanciële staten werden opgemaakt gebaseerd op het principe van going concern. Bij het maken van deze beoordeling heeft de Raad van Bestuur rekening gehouden met volgende materiële onzekerheden dewelke signifi cante twijfel kunnen doen ontstaan aangaande het vermogen van de onderneming om haar activiteit verder te zetten onder het principe van going concern:
De Raad van Bestuur is van mening dat ze in staat zal zijn om deze onzekerheden succesvol te beheren rekening houdend met de lopende initiatieven zoals toegelicht in toelichting 23. Om deze reden werden de fi nanciële staten opgesteld op een going concern basis. Omdat de uitkomst van een aantal van deze initiatieven onduidelijk is op het moment van opmaak van deze fi nanciële staten, is het mogelijk dat het management naar aanleiding van de hoger vermelde gebeurtenissen of voorwaarden alternatieve maatregelen zal dienen te nemen die moeten garanderen dat de onderneming verder kan opereren op een going concern basis. Het management is momenteel verschillende opties aan het beoordelen die zich momenteel is verschillende stadia van ontwikkeling bevinden en is ervan overtuigd dat deze opties, indien nodig, kunnen worden uitgevoerd en effectief zullen werken om de gevolgen van bovenstaande onzekerheden op te lossen of te verlichten.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| WINST PER AANDEEL | ||
| Resultaat van het boekjaar (in USD) | 35.786.012 | 11.211.371 |
| Aantal uitgegeven gewone aandelen per 31 december | 59.500.000 | 59.500.000 |
| Effect van eigen aandelen | -2.748.708 | -2.729.739 |
| Gewogen gemiddeld aantal aandelen per 31 december | 56.751.292 | 56.770.261 |
| 0,63 | 0,20 |
| VERWATERDE WINST PER AANDEEL (*) | |||
|---|---|---|---|
| Resultaat van het boekjaar (in USD) | 35.786.012 | 11.211.371 | |
| Gewogen gemiddeld aantal aandelen per 31 december | 56.751.292 | 56.770.261 | |
| Gemiddelde slotkoers van één gewoon aandeel gedurende het jaar (in EUR) | (a) | 7,19 | 9,58 |
| Gemiddelde uitoefenprijs voor aandelen onder optie (in EUR) | (b) | 4,96 | 5,12 |
| • Optieplan 1: EUR 6,12 voor 65.378 aandelen onder optie | |||
| • Optieplan 6: EUR 4,85 voor 188.272 aandelen onder optie | |||
| • Optieplan 7: EUR 4,71 voor 225.345 aandelen onder optie | |||
| Aantal aandelen onder optie | (c) | 478.995 | 598.671 |
| Aantal aandelen onder optie die tegen reële waarde zou zijn uitgegeven: (c*b)/a | -330.433 | -319.958 | |
| Gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen gedurende het jaar inclusief opties | 56.899.854 | 57.048.974 | |
| 0,63 | 0,20 |
(*) Optieplan 2, 3, 4, 8, 9 en 10 werden niet begrepen in de berekening van de verwaterde winst per aandeel vanwege het anti-verwateringseffect.
| Bankleningen | Overige leningen | Totaal | |
|---|---|---|---|
| LANGE TERMIJNLENINGEN PER 31 DECEMBER 2015 | |||
| PER 1 JANUARI 2015 | 315.288 | 91.420 | 406.708 |
| Nieuwe leningen | 500 | 39.520 | 40.020 |
| Geplande terugbetalingen | -14.774 | 0 | -14.774 |
| In resultaat genomen transactiekosten | 0 | 992 | 992 |
| Omrekeningsverschillen | -143 | -20.217 | -20.360 |
| PER 31 DECEMBER 2015 | 300.871 | 111.715 | 412.586 |
| Langer dan 1 jaar | 285.710 | 111.715 | 397.425 |
| Korter dan 1 jaar | 15.161 | 0 | 15.161 |
| PER 31 DECEMBER 2015 | 300.871 | 111.715 | 412.586 |
| LPG | 0 | 0 | 0 |
| LNG | 299.898 | 0 | 299.898 |
| Offshore | 0 | 0 | 0 |
| Diensten | 973 | 111.715 | 112.688 |
| PER 31 DECEMBER 2015 | 300.871 | 111.715 | 412.586 |
| LANGE TERMIJNLENINGEN PER 31 DECEMBER 2016 | |||
| PER 1 JANUARI 2016 | 300.871 | 111.715 | 412.586 |
| Nieuwe leningen | 100 | 0 | 100 |
| Geplande terugbetalingen | -19.716 | -2.000 | -21.716 |
| In resultaat genomen transactiekosten | 0 | 1.096 | 1.096 |
| Omrekeningsverschillen | -8 | 2.639 | 2.631 |
| Wijziging in consolidatie scope (*) | 73.040 | 2.000 | 75.040 |
| PER 31 DECEMBER 2016 | 354.287 | 115.450 | 469.737 |
| Langer dan 1 jaar | 329.590 | 0 | 329.590 |
| Korter dan 1 jaar | 24.697 | 115.450 | 140.147 |
| PER 31 DECEMBER 2016 | 354.287 | 115.450 | 469.737 |
| LPG | 68.493 | 0 | 68.493 |
| LNG | 285.316 | 0 | 285.316 |
| Offshore | 0 | 0 | 0 |
| Diensten | 478 | 115.450 | 115.928 |
| PER 31 DECEMBER 2016 | 354.287 | 115.450 | 469.737 |
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| NIET OPGENOMEN KREDIETLIJNEN | ||
| Niet opgenomen kredietlijnen | 22.400 | 23.135 |
| 22.400 | 23.135 |
(*) Voor de wijziging in consolidatie scope met betrekking tot de bankleningen, verwijzen we naar toelichting 9 voor meer informatie betreffende de pressurized vloot transactie. Voor de overige leningen heeft de beweging betrekking op een intercompany lening die in de consolidatie niet langer geëlimineerd wordt als gevolg van de wijziging in consolidatie scope (WARIBOKO transactie). We verwijzen naar toelichting 10 voor meer informatie met betrekking tot deze transactie. De lening werd terugbetaald in de 2de jaarhelft van 2016.
De bankleningen hebben voornamelijk betrekking op de Excelerate faciliteit, de Explorer/ Express faciliteit en de LPG pressurized vloot faciliteiten.
In 2005 is EXMAR een gewaarborgde lening aangegaan (de "Excelerate faciliteit") voor de aankoop van bepaalde uitgegeven of nog uit te geven obligaties door Excelerate NV, om de bouw van het schip Excelerate mee te fi nancieren. De Excelerate faciliteit bestaat uit drie delen. Een eerste deel tot USD 85 miljoen dewelke afgesloten werd aan een jaarlijkse vaste intrestvoet van 5,515%. De lening is terugbetaalbaar in 24 opeenvolgende halfjaarlijkse termijnen van ongeveer USD 3,5 miljoen, de laatste terugbetaling is voorzien op 20 oktober 2018. De andere twee delen van respectievelijk USD 22 miljoen en USD 19 miljoen, dewelke samen genoemd worden als zijnde de "commerciële leningen", kennen een jaarlijkse intrestvoet van drie maanden LIBOR plus 1% wanneer de Excelerate vaart onder een aanvaardbaar tijdbevrachtingscontract. In alle andere gevallen hebben de leningen een jaarlijkse intrestvoet van drie maanden LIBOR plus 1,1%. De lening is terugbetaalbaar in één keer op de eindvervaldag, zijnde 20 oktober 2018. EXMAR kan vroegtijdige terugbetalingen uitvoeren met betrekking tot de Excelerate faciliteit op elk moment, rekening houdende met een voorafgaandelijke schriftelijke kennisgeving van 30 dagen. De vervroegde terugbetaling kan onder voorgaande voorwaarden gebeuren zonder boete of toeslag. De Excelerate faciliteit kent verplichte terugbetalingsclausules dewelke van toepassing worden op het moment dat bepaalde gepredefi nieerde gebeurtenissen zich voordoen waaronder de verkoop of het totaal verlies van het schip.
In mei 2006 heeft EXMAR een gewaarborgde lening aangegaan voor een totaal bedrag van USD 280 miljoen dewelke bestaat uit twee delen van elk USD 140 miljoen. Deze lening werd aangegaan voor de fi nanciering van de Explorer en van de Express en wordt vernoemd als zijnde de " Explorer & Express faciliteit". Deze faciliteit kent een jaarlijks variable intrestvoet van drie maanden LIBOR plus 0,9%. De lening is terugbetaalbaar in 48 driemaandelijkse termijnen dewelke schommelen tussen USD 0,62 miljoen en USD 1,2 miljoen en één betaling van USD 98,7 miljoen op de eindvervaldag van de lening. De eindvervaldag van de lening is april 2020 voor Explorer en april 2021 voor Express. EXMAR kan vroegtijdige terugbetalingen uitvoeren met betrekking tot de Explorer & Express faciliteit op elk moment, rekening houdende met een voorafgaandelijke schriftelijke kennisgeving van 14 dagen. De vervroegde terugbetaling kan onder voorgaande voorwaarden gebeuren zonder boete of toeslag. De Explorer & Express faciliteit kent verplichte terugbetalingsclausules dewelke van toepassing worden op het moment dat bepaalde gepredefi nieerde gebeurtenissen zich voordoen waaronder de verkoop of het totaal verlies van schepen.
In okotober 2008 heeft EXMAR een senior gewaarborgde leningfaciliteit afgesloten voor een bedrag van USD 29,6 miljoen voor de fi nanciering van 2 pressurized LPG schepen. De lening is terugbetaalbaar in driemaandelijkse termijnen en het intrest percentage van toepassing op de lening bedraagt drie maanden LIBOR plus 1%. De laatste terugbetaling is voorzien einde maart 2019.
In december 2008 heeft EXMAR 2 andere senior gewaarborgde leningfaciliteiten afgesloten van respectievelijk USD 67,2 miljoen en USD 42,8 miljoen voor de fi nanciering van 8 pressurized LPG schepen. De leningen zijn terugbetaalbaar in driemaandelijkse schijven en het van toepassing zijnde intrest percentage bedraagt drie maanden LIBOR plus 3%. De laatste terugbetaling is voorzien uiterlijk in december 2020.
De overige leningen hebben betrekking op een uitgegeven obligatielening van NOK 700 miljoen (initiële tegenwaarde van USD 114 miljoen). De obligatielening werd uitgegeven in juli 2014 door EXMAR Netherlands BV ("uitgever"), een 100% dochteronderneming van EXMAR NV. De obligatielening zal terug betaald worden voor het volledige bedrag op de eindvervaldag van de lening, zijnde 7 juli 2017. De obligaties dragen een variabele intrestvoet van drie maanden NIBOR plus een marge van 4,50%, de intrest is betaalbaar op een driemaandelijkse basis. Alle uitgegeven obligaties werden gegarandeerd door EXMAR NV ("borgsteller"). De vertegenwoordiger van de obligatielening kan namens de verschillende obligatiehouders een aanvraag doen bij de borgsteller voor de betaling van alle vervallen en onbetaalde bedragen. EXMAR NV moet ten allen tijde rechtstreeks of onrechtstreeks een 100% belang aanhouden in de uitgever. Een cross currency interest rate swap ("CCIRS") werd afgesloten in dit verband. We verwijzen naar toelichting 28 voor meer informatie hieromtrent.
Gedurende 2015 werd een extra bedrag van NOK 300 miljoen uitgegeven (2de deel van de initiële emissie van obligaties van NOK 700 miljoen). Deze extra opname werd voorgesteld in bovenstaand schema als een bedrag van KUSD 39.520, samengesteld uit KUSD 40.128 originele opname verminderd met KUSD 608 (bankvergoedingen en kosten met betrekking tot juridisch advies).
Het totaal uitstaande nominale bedrag van de emissie bedraagt NOK 1.000 miljoen, met een looptijd tot juli 2017.
In juli 2015 werd een nieuwe CCIRS afgesloten voor de extra opname van NOK 300 miljoen. Het omrekeningsverschil weergegeven in bovenstaand overzicht heeft betrekking op de omrekening van de NOK obligatielening naar USD dewelke volledig gehedged werd met de afgesloten CCIRS'en. Aangezien het totale nominale bedrag van NOK 1.000 miljoen vervalt in juli 2017, werden de obligatielening en de gerelateerde CCIRS-contracten gepresenteerd op korte termijn in de geconsolideerde balans. EXMAR onderzoekt actief verschillende alternatieven voor de herfi nanciering van de obligatielening.
Gedurende 2016 werd de fi nancieringsovereenkomst met ICBC ("Industrial and Commercial Bank of China ltd") voor het CFLN project geannuleerd. Uitgestelde fi nancieringskosten met betrekking tot deze lening bedragen USD 4,5 miljoen en werden in de resultatenrekening geboekt in 2016. (zie ook toelichting 7 in dit verband). Onmiddellijk na deze stopzetting is EXMAR onderhandelingen gestart met de Bank van China (BoC). In november 2016 werd er een intentieverklaring ondertekend met de BoC en de voorwaarden werden goedgekeurd door de krediet comités van de BoC in december 2016 en januari 2017. Nadien heeft EXMAR de documentatie gefi naliseerd dewelke beide partijen in staat stelt om de kredietovereenkomst te tekenen. De fi nale ondertekening van de kredietovereenkomst met de BoC is onderhevig aan de goedkeuring van de kredietverzekeraar, Sinosure. EXMAR verwacht dat deze goedkeuring beschikbaar zal zijn midden april 2017. De overeenkomst met BoC voorziet een terugbetalingstermijn van 12 jaar. EXMAR is verplicht om een bedrag gelijk aan 24 maandelijkse terugbetalingen inclusief intrest, gelijk aan ongeveer USD 55 miljoen, aan te houden op een geblokkeerde rekening tot wanneer acceptabele lange termijn terwerkstelling gegarandeerd is.
Begin maart 2017 zijn EXMAR en Wison (de scheepswerf) overeen gekomen dat deze laatste aan al zijn verplichtingen voldaan heeft met betrekking tot de bouw van de CFLN op 31 januari 2017 en dat de fi nale betalingstermijn van USD 200,5 miljoen zal dienen te worden betaald door EXMAR op of voor 28 april 2017. Niet betaling wordt gezien als het niet nakomen van EXMAR's verplichtingen met betrekking tot de betaling van de laatste betalingstermijn. Wanneer EXMAR niet in staat is om de noodzakelijke fondsen te bekomen van de BoC faciliteit zoals hierboven besproken, dan heeft EXMAR beloofd om de laatste termijn te betalen van eender welke andere bron en dit tegen 12 mei 2017. Wanneer EXMAR niet in staat is om de laatste termijn te betalen tegen 28 april 2017 en er geen andere alternatieve oplossing in onderhandeling is, dan zal EXMAR niet in staat zijn om zijn verplichtingen na te komen onder het EPCIC contract vanaf die datum.
De overeenkomst met Wison omvat bijkomende ondersteuning van de scheepswerf gedurende de periode dat de eenheid op de werf zal worden opgelegd tot hij zal worden overgebracht naar de locatie van tewerkstelling en omvat eveneens een lening van USD 55 miljoen van Wison aan EXMAR, gewaarborgd door een tweede hypotheek of een andere alternatieve zekerheid dewelke nog dient te worden overeengekomen. Onderhandelingen over toekomstige terwerkstelling met verschillende partijen vorderen. Er worden echter geen inkomsten verwacht vóór het begin van 2018.
In het algemeen wordt gesteld dat de leningen aangegaan door EXMAR en haar joint ventures, gewaarborgd zijn door de onderliggende activa dewelke eigendom zijn van de joint ventures. Verder bestaan er verschillende panden en andere soorten van garanties dewelke de leningen waarborgen. Dividend beperkingen kunnen eveneens van toepassing zijn.
EXMAR heeft fi nanciële activa in pand gegeven als zekerheid voor bepaalde schulden. We verwijzen naar toelichting 20 waar het bedrag van geblokkeerde kasequivalenten met betrekking tot kredietovereenkomsten en fi nanciële instrumenten wordt toegelicht. We verwijzen naar toelichting 16 waar de boekwaarde van de leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures wordt toegelicht. De Excelerate obligatielening en de Explorer/ Express aandeelhoudersleningen werden in pand gegeven als zekerheid voor bovenstaand gedetailleerde schulden.
Verschillende lening convenanten zijn eveneens van toepassing en vereisen naleving van bepaalde fi nanciële ratio's. Deze ratio's worden berekend op basis van EXMAR's geconsolideerde cijfers (proportionele consolidatie methode). Indien EXMAR niet voldoet aan deze convenanten kunnen vroegtijdige terugbetalingen mogelijk zijn. Per 31 december 2016 voldeed EXMAR aan de van toepassing zijnde convenanten met meer dan voldoende marge. EXMAR volgt voortdurend de naleving van al deze convenanten op.
| LPG faciliteiten | LNG faciliteiten | Obligatielening | Overige | |
|---|---|---|---|---|
| VAN TOEPASSING ZIJNDE CONVENANTEN | ||||
| Ratio vlottende activa versus verplichtingen op korte termijn |
NVT | >1 | NVT | NVT |
| Ratio gerealiseerd eigen vermogen | NVT | ≥ USD 200 miljoen + 50% van de cu mulatieve positieve resultaten vanaf 01/01/2006 |
≥ USD 300 miljoen | ≥ USD 300 miljoen + 50% van het resultaat |
| Ratio vrije liquide middelen | NVT | ≥ USD 35 miljoen | NA | ≥ USD 30 miljoen |
| Ratio kas en kasequivalenten | NVT | ≥ USD 25 miljoen | NA | ≥ USD 25 miljoen |
| Ratio beschikbare kas en kasequivalenten | NVT | NVT | ≥ USD 25 miljoen | NVT |
| Ratio eigen vermogen | NVT | NVT | ≥ 25% | NVT |
| Ratio rente dekkingsgraad | NVT | NVT | min 2:1 | NVT |
| Ratio werkkapitaal | NVT | NVT | minimum positief | minimum positief |
| Minimum dekkingsgraad van | 110% voor de faciliteit mbt 2 LPG schepen 120% voor de faciliteit mbt 8 LPG schepen |
100% voor de Explo rer/ Express faciliteit 125% voor de Exce lerate faciliteit |
NVT | NVT |
De Groep heeft een aandelenoptieregeling ingevoerd waarbij bepaalde werknemers recht hebben om in te schrijven op een aantal opties. De opties zijn enkel uitoefenbaar na een periode van drie jaar en enkel voor werknemers die nog in dienst zijn na deze driejarige periode. Elke optie geeft de houder van de optie recht op één EXMAR aandeel.
De reële waarde van de diensten die in ruil voor de toegekende opties worden ontvangen, wordt bepaald op basis van de uitoefenprijs van de toegekende aandelenopties. De reële waarde van de ontvangen diensten wordt bepaald met behulp van een binominaal model. In dit model wordt onder andere uitgegaan van de contractuele looptijd van de optie.
| Plan 10 | Plan 9 | Plan 8 | Plan 7 | Plan 6 | Plan 4 | Plan 3 | Plan 2 | Plan 1 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| REËLE WAARDE OP TOEKENNINGSDATUM EN GEHANTEERDE VERWACHTINGEN OP MOMENT VAN TOEKENNING |
|||||||||
| Aantal opties openstaand op jaareinde (*) | 415.250 | 422.850 | 515.100 | 225.345 | 188.272 | 224.529 | 396.855 | 312.705 | 65.378 |
| Reële waarde op de toekenningsdatum (in EUR) |
3,21 | 2,32 | 3,36 | 1,35 | 2,29 | 5,64 | 7,38 | 5,25 | 2,50 |
| Aandelenkoers op de toekenningsda tum(in EUR) |
9,62 | 10,00 | 11,33 | 5,28 | 5,75 | 16,80 | 23,84 | 18,47 | 9,24 |
| Uitoefenprijs bij toekenning (in EUR) (*) | 9,62 | 10,54 | 10,54 | 4,71 | 4,85 | 14,64 | 15,96 | 10,73 | 6,12 |
| Verwachte volatiliteit (**) | 40,70% | 30,60% | 31,40% | 39,70% | 38,16% | 25,78% | 31,10% | 24,50% | 24,21% |
| Looptijd optie bij toekenning (***) | 8 jaar | 8 jaar | 8 jaar | 8 jaar | 8 jaar | 8 jaar | 8 jaar | 8 jaar | 8 jaar |
| Vervaldatum | 2023 | 2022 | 2021 | 2018 | 2017 | 2020 | 2019 | 2018 | 2017 |
| Verwacht dividend | 0,3 eur/jaar |
0,3 eur/jaar |
0,4 eur/jaar |
0,4 eur/jaar |
0,49 eur/jaar |
0,50 eur/jaar |
0,66 eur/jaar |
0,66 eur/jaar |
0,19 eur/jaar |
| Risicovrije rentevoet | 0,53% | 0,62% | 1,87% | 3,61% | 3,22% | 4,29% | 3,85% | 3,90% | 3,27% |
(*) Het aantal aandelenopties en de uitoefenprijs van de opties werd aangepast omwille van het verwateringseffect van de kapitaalverhoging van november 2009 (aanpassing volgens ratio 0,794), de uitkering van een uitzonderlijke dividend van mei 2012 (aanpassing volgens ratio 0,929) en de uitkering van een uitzonderlijke dividend (aanpassing volgens ratio 0,9364) van september 2013. Het aantal opties en de uitoefenprijs weergegeven in onderstaande tabel betreffen de aangepaste waarden.
(**) De verwachte volatiliteit is gebaseerd op de historische volatiliteit (berekend op basis van de gewogen gemiddelde resterende looptijd van de aandelenopties), aangepast voor eventuele verwachte wijzigingen in de toekomstige volatiliteit als gevolg van openbaar beschikbare informatie.
(***) De Raad van Bestuur van 23 maart 2009 heeft beslist om de looptijd van de optieplannen 1 - 4 te verlengen met 5 jaar. Deze verlenging kadert in de goedkeuring door de Belgische wetgever van de herstelwet die de wet van 26 maart 1999 aanvult. Op datum van wijziging werden aangepaste reële waarde berekeningen gemaakt op basis van de resterende looptijd van de aandelenopties.
Plan 5 werd verwijderd uit bovenstaand overzicht aangezien het plan verviel einde 2016. 76.811 opties werden uitgeoefend in dit verband gedurende het boekjaar en 25.606 opties vervielen als gevolg van het vervallen van het plan.
| Aantal opties |
Gewogen gemiddelde uitoefenprijs |
Aantal opties |
Gewogen gemiddelde uitoefenprijs |
|
|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | |||
| AANSLUITING OPENSTAANDE OPTIES | ||||
| OPENSTAAND PER 1 JANUARI | 2.897.469 | 10,39 | 2.823.770 | 10,05 |
| Nieuw verleende opties | 0 | 0,00 | 421.454 | 9,55 |
| Wijzigingen tijdens het boekjaar | ||||
| Uitgeoefende opties | -92.577 | 5,75 | -257.224 | 4,93 |
| Vervallen/geschrapte opties | -38.608 | 8,12 | -90.531 | 11,34 |
| OPENSTAAND PER 31 DECEMBER | 2.766.284 | 10,58 | 2.897.469 | 10,39 |
| UITOEFENBAAR PER 31 DECEMBER | 1.963.184 | 10,77 | 1.539.269 | 10,49 |
De gewogen gemiddelde resterende levensduur van de uitstaande optieplannen per einde december 2016 bedraagt 4,1 jaar.
| 2016 | 2015 | ||
|---|---|---|---|
| AANDELENOPTIES | |||
| Aantal toegekende aandelenopties | 2.766.284 | 2.897.469 | |
| Opgenomen in de personeelskosten | optieplan 8 | 677 | 557 |
| optieplan 9 | 389 | 394 | |
| optieplan 10 | 491 | 0 | |
| 1.557 | 951 |
De Groep voorziet in pensioenvoordelen voor de meeste van haar werknemers, hetzij direct, hetzij via een bijdrage "aan een onafhankelijk fonds". De pensioenvoordelen voor het kaderpersoneel in dienst vóór 1 januari 2008 worden verstrekt onder een te bereiken doel plan. Dit plan is een te bereiken doel plan waarbij een eindloonstelsel van toepassing is.
Voor kaderleden in dienst na 1 januari 2008, werknemers gepromoveerd tot kaderlid na 1 januari 2008 en kaderleden die de leeftijd van 60 jaar bereikt hebben, voorziet de Groep pensioenvoordelen via een vast bijdrage plan.
Belgische toegezegde bijdrageregelingen vallen onder toepassingsgebied van de Wet van 28 april 2003 op de aanvullende pensioenen, kort WAP genoemd. Volgens artikel 24 van deze wet is de werkgever verplicht een minimum rendement van 3,75% op de persoonlijke bijdragen van de werknemer en 3,25% op de bijdragen van de werkgever te garanderen en dit voor stortingen tot en met 31/12/2015. Vanaf januari 2016 dient de werkgever een gemiddeld minimum redement van 1,75% te garanderen op zowel werknemersbijdragen als werkgeversbijdragen (zoals gewijzigd door de Wet van 18 december 2015). Deze minimum rendementsgarantie overtreft over het algemeeen het rendement dat gegarandeerd wordt door de verzekeringsmaatschappij. Aangezien de werkgever verplicht wordt een minimum rendement te garanderen, worden niet alle actuariële en investeringsrisico's overgedragen naar de verzekeringsmaatschappijen die deze plannen beheren. Bijgevolg voldoen deze plannen niet aan de defi ntie van toegezegde bijdragenregeling zoals opgenomen in IFRS en worden ze als een te bereiken doel plan geclassifi ceerd. Een actuariële berekening in overeenstemming met IAS 19 gebaseerd op de 'projected unit credit (PUC)'-methode werd uitgevoerd in dit verband. Deze berekening resulteerde in een verplichting van KUSD 69 dewelke geregistreerd werd via het geconsolideerd overzicht van niet gerealiseerde resultaten (zie onderstaande tabel voor de samenstelling van de netto verplichting). De stortingen dewelke erkend werden in de winst- en verliesrekening bedragen USD 0,8 miljoen (2015: USD 0,7 miljoen).
| 2016 | 2015 | 2014 | 2013 | 2012 | |
|---|---|---|---|---|---|
| PERSONEELSBELONINGEN - TE BEREIKEN DOEL PLAN | |||||
| Contante waarde van gefi nancierde verplichtingen | -11.297 | -11.662 | -14.063 | -12.919 | -13.594 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | 7.098 | 7.217 | 7.852 | 8.519 | 8.776 |
| CONTANTE WAARDE VAN DE NETTOVERPLICHTINGEN | -4.198 | -4.445 | -6.211 | -4.400 | -4.818 |
| 2016 | 2015 | 2014 | 2013 | 2012 | |
|---|---|---|---|---|---|
| PERSONEELSBELONINGEN - VAST BIJDRAGENPLAN | |||||
| Contante waarde van gefi nancierde verplichtingen | -3.845 | ||||
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | 3.777 | ||||
| CONTANTE WAARDE VAN DE NETTOVERPLICHTINGEN | -69 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| TOTALE PERSONEELSBELONINGEN | -4.267 | -4.445 | -6.211 | -4.400 | -4.818 |
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| WIJZIGINGEN IN DE VOORZIENINGEN GEDURENDE HET JAAR | ||
| VOORZIENING PER 1 JANUARI | 11.662 | 14.063 |
| Uitkeringen | -778 | -777 |
| Werkelijke werknemer bijdragen | 92 | 101 |
| Intrestlast | 173 | 138 |
| Aan het dienstjaar toegekende pensioenkosten | 549 | 629 |
| Werkelijke taksen betaald op bijdragen (exclusief intresten) | -87 | -98 |
| Actuariële winsten/ verliezen | 59 | -965 |
| Omrekeningsverschillen | -372 | -1.430 |
| VOORZIENING PER 31 DECEMBER | 11.297 | 11.662 |
| WIJZIGINGEN IN DE REËLE WAARDE VAN DE FONDSBELEGGINGEN | ||
| REËLE WAARDE FONDSBELEGGINGEN PER 1 JANUARI | 7.217 | 7.852 |
| Ontvangen stortingen | 809 | 910 |
| Uitkeringen | -778 | -777 |
| Rendement van fondsbeleggingen | 112 | 80 |
| Actuariële winsten/verliezen | 113 | 122 |
| Werkelijke taksen betaald op bijdragen (exclusief intresten) | -87 | -98 |
| Werkelijke administratiekosten | -51 | -57 |
| Omrekeningsverschillen | -237 | -814 |
| REËLE WAARDE FONDSBELEGGINGEN PER 31 DECEMBER (*) | 7.098 | 7.217 |
| PENSIOENKOST OPGENOMEN IN DE WINST-EN VERLIESREKENING | ||
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten | -549 | -629 |
| Intrestlast | -173 | -138 |
| Verwacht rendement op fondsbeleggingen | 112 | 80 |
| Administratiekosten | -51 | -57 |
| TOTALE PENSIOENKOST IN DE WINST- EN VERLIESREKENING (ZIE BIJLAGE 6) | -660 | -744 |
| PENSIOENKOST OPGENOMEN IN DE NIET GEREALISEERDE RESULTATEN | ||
| Actuariële winsten en (verliezen) uit te bereiken doel pensioenplannen | 54 | 1.087 |
| TOTALE PENSIOENKOST IN DE NIET GEREALISEERDE RESULTATEN | 54 | 1.087 |
| BELANGRIJKSTE ACTUARIËLE VERONDERSTELLINGEN. UITGEDRUKT IN GEWOGEN GEMIDDELDEN | ||
| Verdisconteringsvoet op 31 december | 0,75% | 1,50% |
| Verwacht rendement op activa per 31 december | 0,75% | 1,50% |
| Toekomstige salarisverhogingen (infl atie inbegrepen) | (salary scales) | (salary scales) |
| Sterftetafels | Belgian (MR/FR) Belgian (MR/FR) | |
| Infl atie | 2% | 2% |
| VERWACHTE BIJDRAGE VOOR VOLGEND JAAR | ||
| Inschatting van bijdragen verwacht te betalen gedurende volgend jaar | 836 | 941 |
| OPDELING VAN FONDSBELEGGINGEN | ||
| Eigen vermogen instrumenten | 5% | 6% |
| Leningen | 86% | 86% |
| Vastgoed | 6% | 6% |
| Kasgelden | 3% | 2% |
(*) De fondsbeleggingen bevatten geen EXMAR aandelen en geen vastgoed door EXMAR in gebruik genomen.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| VOORZIENINGEN | ||
| Voorzieningen op lange termijn (*) | 2.522 | 2.395 |
| Voorzieningen op korte termijn | 0 | 0 |
| PER 1 JANUARI | 2.522 | 2.395 |
| Nieuwe voorzieningen | 0 | 127 |
| Terugname van voorzieningen | -88 | 0 |
| PER 31 DECEMBER | 2.434 | 2.522 |
| Voorzieningen op lange termijn (*) | 2.434 | 2.522 |
| Voorzieningen op korte termijn | 0 | 0 |
| PER 31 DECEMBER | 2.434 | 2.522 |
(*) Ingevolge de bepalingen van het goedgekeurde partiële splitsing voorstel van CMB, heeft EXMAR 39% van de schadevordering van PSA tegen CMB voorzien. Het bedrag en het moment waarop deze cash-out fl ows voor deze provisie zich zal voordoen is onzeker. In 2016 heeft er zich geen wijziging voor gedaan in de risico inschatting van deze schadevordering.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| HANDELS-EN OVERIGE SCHULDEN | ||
| Handelsschulden | 30.519 | 41.055 |
| Overige schulden | 12.870 | 7.788 |
| Te betalen kosten & over te dragen opbrengsten (*) | 7.855 | 6.972 |
| 51.244 | 55.815 | |
| WAARVAN FINANCIËLE SCHULDEN | 43.275 | 48.495 |
(*) 'De "te betalen kosten" omvatten kosten die betrekking hebben op afgelopen boekjaar maar nog niet werden aangerekend, zoals intrestlasten, havenkosten, commissies,... De "over te dragen opbrengsten" omvatten reeds gefactureerde opbrengsten die betrekking hebben op volgende boekjaren, zoals huuropbrengsten, vrachten,...
In zijn normale beleidsvoering is de Groep blootgesteld aan diverse risico's zoals beschreven in de Corporate Governance verklaring. De Groep is blootgesteld aan krediet-, intrest-, valuta- en liquiditeitsrisico's. Om deze risico's te beheersen, maakt de Groep gebruik van verschillende fi nanciële instrumenten zoals koers- en intrestindekkingen. De Groep past hedge accounting toe voor alle transacties die voor hedge accounting in aanmerking komen (formele documentatie en effectiviteitstest bij aanvang en op voortdurende basis). Financiële instrumenten worden initieel gewaardeerd aan reële waarde. Vervolgens wordt het effectieve deel van de wijziging in reële waarde erkend in het eigen vermogen. Niet effectieve delen van wijziging in reële waarde en wijzigingen in reële waarde van fi nanciële instrumenten die niet voor hedge accounting in aanmerking komen, worden direct in de winst- en verliesrekening verwerkt.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| ACTIVA | ||
| TOTAAL ACTIVA | 0 | 0 |
| SCHULDEN LANGE TERMIJN | ||
| Interest rate swaps | 0 | 0 |
| Cross currency interest rate swap | 0 | 41.229 |
| SCHULDEN KORTE TERMIJN | ||
| Interest rate swaps | 0 | 0 |
| Cross currency interest rate swap | 36.182 | 0 |
| TOTALE SCHULDEN | 36.182 | 41.229 |
| Level 1 | Level 2 | Level 3 | Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| 31 DECEMBER 2016 | ||||
| Aandelen beschikbaar voor verkoop | 2.154 | 1.454 | 3.608 | |
| TOTAAL FINANCIËLE ACTIVA GEWAARDEERD TEGEN REËLE WAARDE | 2.154 | 1.454 | 0 | 3.608 |
| Cross currency Interest rate swap gebruikt voor afdekking | 36.182 | 36.182 | ||
| TOTAAL FINANCIËLE PASSIVA GEWAARDEERD TEGEN REËLE WAARDE | 0 | 36.182 | 0 | 36.182 |
Alle andere fi nanciële instrumenten dan de hierboven vermelde worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs.
Als gevolg van een belangrijke en aanhoudende daling in de reële waarde van de Teekay aandelen (dewelke geclassifi ceerd staan als voor verkoop beschikbare beleggingen in de geconsolideerde balans en weergegeven staan in bovenstaand schema onder niveau 1) en de Sibelco aandelen (dewelke geclassifi ceerd staan als voor verkoop beschikbare beleggingen in de geconsolideerde balans en weergegeven staan in bovenstaand schema onder niveau 2), werd de reële waardereserve van USD 4 miljoen die werd opgebouwd in het verleden, verwerkt via de verlies-en winstrekening. De wijziging in de reële waarde van het huidige boekjaar bedraagt USD 0,1 miljoen en werd eveneens verwerkt via de verlies-en winstrekening.
De langetermijnvisie eigen aan de activiteit van EXMAR gaat samen met langlopende fi nancieringen, en dus ook met een blootstelling aan de onderliggende rentevoeten. EXMAR beheert deze blootstelling op een actieve manier, door middel van diverse instrumenten ter indekking van stijgende rentevoeten, dit voor een beduidend gedeelte van de schuldportefeuille.
In 2014 werd een cross currency interest rate swap (CCIRS) afgesloten om het renterisico en valutarisico in te dekken op de uitgegeven obligatielening (NOK 700 miljoen). In juli 2015 werd een nieuwe CCIRS afgesloten voor de extra opname van NOK 300 miljoen.
De vaste USD tegenwaarde van de eerste CCIRS bedraagt USD 114 miljoen en het van toepassing zijnde intrest percentage bedraagt 5,72%. Voor de tweede CCIRS bedraagt de vaste USD tegenwaarde USD 38 miljoen en het intrest percentage van toepassing hierop bedraagt drie maanden LIBOR (USD) plus 4,8%. Het intrest percentage van toepassing op de NOK obligatielening bedraagt 3 maanden NIBOR plus 4,5%.
Het kredietrisico wordt continu centraal opgevolgd door de Groep. Kredietwaardigheidscontroles worden uitgevoerd wanneer dit wenselijk wordt geacht. Op afsluitdatum werden geen noemenswaardige kredietwaardigheidsproblemen vastgesteld. Een aanzienlijk deel van onze LNG inkomsten is afhankelijk van de prestatie van één belangrijke klant, Excelerate Energy. Geen kredietwaardigheidsrisico werd vastgesteld in dit verband. De leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures omvatten aandeelhoudersleningen aan onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures dewelke een LPG schip, LNG schip of Offshore platform exploiteren of bezitten. Alle schepen zijn operationeel en genereren inkomsten. Bijgevolg voorzien wij geen invorderingsproblemen met betrekking tot deze uitstaande leningen. De geassocieerde ondernemingen en joint ventures waarvan het aandeel in het eigen vermogen negatief is, worden toegewezen aan de andere componenten van het belang van de investeerder in de geassocieerde onderneming of joint venture. Wanneer het negatieve eigen vermogen dit belang overtreft, dan wordt een corresponderende verplichting geregistreerd in dit verband. Voor de schepen welke in gezamenlijke eigendom worden aangehouden, werden interne en externe aanwijzigingen geëvalueerd dewelke aangeven dat de vloot al dan niet getest dient te worden op het bestaan van een mogelijke waardevermindering. Er werden geen indicatoren voor een bijzondere waardevermindering geïdentifi ceerd en er werden geen andere testen voor bijzondere waardeverminderingen uitgevoerd. We verwijzen in dit verband naar toelichting 14. De looptijd van de aandeelhoudersleningen en de gerelateerde aangehouden zekerheden worden besproken in toelichting 16 van dit verslag.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| BOEKWAARDEN VAN DE FINANCIËLE ACTIVA | ||
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 371.505 | 400.545 |
| Voor verkoop beschikbare beleggingen | 3.608 | 3.487 |
| Handels- en overige vorderingen | 26.559 | 27.651 |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 34.891 | 42.332 |
| Kas en kasequivalenten | 121.096 | 129.969 |
| 557.660 | 603.984 |
De boekwaarden van de fi nanciële activa geven het maximale kredietrisico weer.
Aangezien het bedrag aan vervallen vorderingen niet materieel is, werd er geen gedetailleerde ouderdomsanalyse gemaakt. Er werden geen signifi cante voorzieningen voor kredietverliezen opgezet op balansdatum en er werden geen belangrijke waarderverminderingen gerealiseerd tijdens het boekjaar.
De rentedragende leningen worden meestal onderhandeld met variabele rentevoeten. Om dit intrestrisico in te dekken, maakt de Groep gebruik van een aantal op de markt bestaande intrestindekkingsinstrumenten (meestal IRS contracten). De Groep past hedge accounting toe indien aan de voorwaarden wordt voldaan. Wannner geen hedge accounting wordt toegepast, worden de wijzigingen in de reële waarde verwerkt in de winst- en verliesrekening.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| INTRESTINDEKKINGSINSTRUMENTEN | ||
| Nominaal bedrag van intrestindekkingsinstrumenten | 152.000 | 152.000 |
| Netto reële waarde van alle intrestindekkingsinstrumenten | -36.182 | -41.229 |
| Maximale looptijd | 2017 | 2017 |
In 2014 werd een cross currency interest rate swap (CCIRS) afgesloten om het renterisico en valutarisico in te dekken op de uitgegeven obligatielening (NOK 700 miljoen). In juli 2015 werd een nieuwe CCIRS afgesloten voor de extra opname van NOK 300 miljoen.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| BLOOTSTELLING AAN HET RENTERISICO | ||
| Totaal rentedragende leningen | 469.737 | 412.586 |
| met vaste rente | -14.167 | -21.250 |
| met variabele rente: bruto risico | 455.570 | 391.336 |
| Intrestindekkinginstrumenten (nominale waarde) (*) | -114.000 | -114.000 |
| NETTO BLOOTSTELLING | 341.570 | 277.336 |
(*) De tweede CCIRS dewelke werd afgesloten in verband met de NOK obligatielening dekt enkel het wisselkoersrisico in en niet het intrest risico. Bijgevolg werd de tweede CCIRS niet in rekening gebracht voor het bepalen van het bedrag opgenomen onder " Intrestindekkingsinstrumenten (nominale waarde)".
Bij een wijziging in de intrestvoet van 50 basispunten, zouden de cijfers worden beïnvloed met onderstaande bedragen (onder de veronderstelling dat de andere variabelen niet wijzigen):
| 2016 | 2015 | |||
|---|---|---|---|---|
| + 50 bp | - 50 bp | + 50 bp | - 50 bp | |
| GEVOELIGHEIDSANALYSE | ||||
| Rentedragende leningen (variabele rente) | -2.278 | 2.278 | -1.956 | 1.956 |
| Intrest indekkingsinstrumenten | 570 | -570 | 570 | -570 |
| NETTO GEVOELIGHEID | -1.708 | 1.708 | -1.386 | 1.386 |
| Effect op winst- en verliesrekening | -1.708 | 1.708 | -1.386 | 1.386 |
| Effect op eigen vermogen | 380 | -380 | 1.140 | -1.140 |
| TOTAAL EFFECT | -1.328 | 1.328 | -246 | 246 |
Een belangrijk gedeelte van EXMAR's intrestopbrengsten zijn afkomstig van leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures met een variabele intrestvoet. Een stijging/ daling van de intrestvoet zou resulteren in een stijging/ daling van de intrestopbrengsten maar zou grotendeels geneutraliseerd worden door een stijging/ daling van de intrestkosten erkend door de joint venture/ geassocieerde onderneming voor het corresponderende bedrag. Overeenkomstig heeft elke stijging/ daling van de variabele intrestvoet van toepassing op leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures geen invloed op het netto resultaat van de groep. Bijgevolg werden leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures niet opgenomen in bovenstaande gevoeligheidsanalyse.
Het valutarisicobeleid van de Groep wordt grotendeels beïnvloed door de EUR/USD verhouding, voor de vergoeding van een deel van de bemanning van de vloot in EUR, en voor de betaling van de salarissen en andere personeelsgerelateerde kosten in EUR. Om het EUR wisselrisico te controleren, maakt de Groep gebruik van diverse koersindekkingsinstrumenten. Per 31 december 2016 staan er geen valutatermijncontracten open om de EURO/USD blootstelling in te dekken.
In 2014 werd een obligatielening uitgegeven van NOK 700 miljoen (initiële tegenwaarde van USD 114 miljoen). De NOK/ USD verhouding werd ingedekt door een cross currency interest rate swap in overeenstemming met het schuldprofi el van de obligatielening. Gedurende 2015 werd een extra bedrag van NOK 300 miljoen uitgegeven (2de deel van de initiële emissie van obligaties van NOK 700 miljoen). In juli 2015 werd een nieuwe CCIRS afgesloten om de NOK/USD verhouding in te dekken.
Blootstelling aan het valutarisico, gebaseerd op nominale bedragen in duizenden in vreemde munt:
| 2016 | 2015 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| EUR | NOK | SGD | EUR | NOK | LYD | CAD | |
| Vorderingen | 12.116 | 29 | 1.898 | 16.447 | 0 | 0 | 0 |
| Schulden | -25.731 | -66 | -2.291 | -22.434 | 0 | -433 | -9.070 |
| Rentedragen leningen | -522 | -1.000.000 | 0 | -626 | -1.000.000 | 0 | 0 |
| RISICO | -14.137 | -1.000.037 | -393 | -6.613 | -1.000.000 | -433 | -9.070 |
| IN DUIZENDEN USD | -14.902 | -116.004 | -272 | -7.200 | -113.371 | -321 | -6.532 |
Een toename van 10% van de EUR/USD slotkoers zou de winst- en verliesrekening van 2016 beïnvloeden met USD -1,5 miljoen (2015: USD -0,7 miljoen) zonder rekening te houden met het effect van valutatermijncontracten. Een daling van de EUR/USD slotkoers met 10% zou de winst- en verliesrekening met eenzelfde bedrag (tegenovergesteld teken) beïnvloeden.
De NOK/ USD verhouding op de uitstaande obligatielening in NOK is volledig ingedekt door de afgesloten CCIRS. Elke impact van een stijging/ daling van de NOK/USD koers op de uitstaande obligatielening wordt gecompenseerd door een daling/ stijging in de reële waarde van de CCIRS voor hetzelfde bedrag.
De Groep beheert haar liquiditeitsrisico om zo aan haar fi nanciële verplichtingen op vervaldag te voldoen. Het liquiditeitsrisico wordt beheerd door een continue opvolging van kasstroomprojecties, toetsing van liquiditeitsratio's aan interne en externe verplichtingen en door het aanhouden van diverse fi nancieringsbronnen met adequate back up faciliteiten.
Verschillende lening convenanten zijn eveneens van toepassing en vereisen naleving van bepaalde fi nanciële ratio's. Per 31 december 2016 voldeed EXMAR aan de van toepassing zijnde convenanten.
We verwijzen in dit verband eveneens naar toelichting 23 aangaande leningen en naar toelichting 30 aangaande investeringsverplichtingen. Meer specifi ek verwijzen we naar het huidige liquiditeitsrisico met betrekking tot de Caribbean FLNG en de FSRU.
Met betrekking tot de Caribbean FLNG verwijzen we naar toelichting 23 waar toegelicht wordt dat de fi nale betalingstermijn van USD 200,5 miljoen naar Wison dient betaald te worden tegen ten laatste 28 april 2017 terwijl de fi nancieringsovereenkomst met BoC nog onderhevig is aan bepaalde voorwaarden. Wanneer EXMAR niet in staat is om de laatste termijn te betalen tegen 28 april 2017, dan zal EXMAR niet in staat zijn om zijn verplichtingen na te komen onder het EPCIC contract vanaf die datum.
Met betrekking tot de FSRU verwijzen we naar toelichting 30 aangaande investeringsverplichtingen.
Bovendien, zoals toegelicht in toelichting 23, is EXMAR actief verschillende alternatieven voor herfi nanciering aan het onderzoeken voor de obligatielening dewelke vervalt in juli 2017 (NOK 1.000 miljoen).
Onze verplichtingen op korte termijn zoals handelsschulden en overige schulden worden verwacht betaald te zijn in de komende twaalf maanden en werden bijgevolg niet opgenomen in onderstaande tabel. De contractuele looptijd van onze fi nanciële verplichtingen en leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures, inclusief verwachte intrestbetalingen, wordt weergegeven in onderstaande tabel. De contractuele looptijd van onze fi nanciële schulden is gebaseerd op de contractuele afl ossingstabellen van de leningen. De contractuele looptijd van onze leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures is gebaseerd op de contractuele afl ossingstabellen van deze leningen voor de Excelerate lening en de Explorer/ Express aandeelhoudersleningen en op toekomstige cash fl ow projecties voor de andere aandeelhoudersleningen. EXMAR heeft ook garanties toegekend aan bankinstellingen dewelke leningen hebben toegekend aan haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures. Het bedrag dat EXMAR kan moeten betalen wanneer de garantie wordt aangewend is toegelicht in onderstaande tabel onder garanties.
| Contractuele kasstromen | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Munt | Intrestvoet | Looptijd | Boekwaarde | Totaal | 0-12 mndn | 1-2 jaar | 2-5 jaar | > 5 jaar | |
| PER 31 DECEMBER 2015 | |||||||||
| NIET AFGELEIDE FINANCIËLE VERPLICHTINGEN |
|||||||||
| Bankleningen | USD | libor + 1% | 2018 | -40.900 | -43.222 | -683 | -805 | -41.734 | 0 |
| Bankleningen | USD | 5,515% | 2018 | -21.250 | -23.333 | -8.176 | -7.776 | -7.381 | 0 |
| Bankleningen | USD | libor + 0,9% | 2020- 2021 |
-237.748 | -260.434 | -11.641 | -12.945 | -134.889 | -100.959 |
| Obligatielening | NOK | Nibor + 4,5% | 2017 | -111.715 | -124.291 | -6.988 | -117.303 | 0 | 0 |
| Overige bankleningen | EUR | -973 | -1.008 | -544 | -464 | 0 | 0 | ||
| -412.586 | -452.288 | -28.032 | -139.293 | -184.004 | -100.959 | ||||
| AFGELEIDE FINANCIËLE IN STRUMENTEN (NETTO): |
USD | -41.229 | -41.229 | -1.780 | -39.449 | 0 | 0 | ||
| LENINGEN AAN GEASSOCI EERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES |
USD | 400.545 | 700.569 | 49.056 | 80.610 | 170.913 | 399.990 | ||
| FINANCIËLE GARANTIES | USD | 0 | -307.382 | -31.319 | -31.394 | -171.006 | -73.663 |
| Contractuele kasstromen | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Munt | Intrestvoet | Looptijd | Boekwaarde | Totaal | 0-12 mndn | 1-2 jaar | 2-5 jaar | > 5 jaar | |
| AS PER 31 DECEMBER 2016 | |||||||||
| NIET AFGELEIDE FINANCIËLE VERPLICHTINGEN |
|||||||||
| Bankleningen | USD | libor + 1% | 2018 | -41.000 | -42.751 | -861 | -41.890 | 0 | 0 |
| Bankleningen | USD | 5,515% | 2018 | -14.167 | -15.157 | -7.776 | -7.381 | 0 | 0 |
| Bankleningen | USD | libor + 0,9% | 2020- 2021 |
-230.149 | -248.600 | -12.752 | -13.332 | -222.516 | 0 |
| Bankleningen | USD | libor + 3% | 2019- 2020 |
-57.163 | -63.086 | -9.479 | -9.261 | -44.346 | 0 |
| Bankleningen | USD | libor + 1% | 2018- 2019 |
-11.330 | -11.786 | -2.112 | -5.440 | -4.234 | 0 |
| Obligatielening | NOK | Nibor + 4,5% | 2017 | -115.450 | -120.911 | -120.911 | 0 | 0 | 0 |
| Overige bankleningen | EUR | -478 | -485 | -485 | 0 | 0 | 0 | ||
| -469.737 | -502.776 | -154.376 | -77.304 | -271.096 | 0 | ||||
| AFGELEIDE FINANCIËLE IN STRUMENTEN (NETTO): |
USD | -36.182 | -36.182 | -36.182 | 0 | 0 | 0 | ||
| LENINGEN AAN GEASSOCI EERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES |
USD | 371.505 | 595.576 | 54.956 | 97.079 | 145.753 | 297.788 | ||
| FINANCIËLE GARANTIES | USD | 0 | -300.987 | -35.941 | -28.162 | -236.884 | 0 |
| 2016 | 2015 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Hiërarchie in reële waarde(*) |
Boekwaarde | Reële waarde | Boekwaarde | Reële waarde | |
| BOEKWAARDEN VERSUS REËLE WAARDEN | |||||
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures |
2 | 371.505 | 453.386 | 400.545 | 488.701 |
| Voor verkoop beschikbare beleggingen | 1/2 | 3.608 | 3.608 | 3.487 | 3.487 |
| Rentedragende leningen | 1/2 | -469.737 | -459.462 | -412.586 | -401.467 |
| Afgeleide fi nanciële instrumenten. passiva | 2 | -36.182 | -36.182 | -41.229 | -41.229 |
(*) De fi nanciële activa en verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde worden geanalyseerd en krijgen een hiërarchie toegekend ter bepaling van de reële waarde: niveau 1 zijnde genoteerde prijzen in actieve markten van vergelijkbare activa of verplichtingen, niveau 2 zijnde andere dan genoteerde waarden begrepen in niveau 1 welke toch direct of indirect waarneembaar zijn voor de activa en verplichtingen en niveau 3 zijnde waarden welke niet op waarneembare marktwaarden gebaseerd zijn. De opsplitsing tussen niveau 1 en niveau 2 voor verkoop beschikbare beleggingen wordt weergegeven in het begin van deze toelichting. Met betrekking tot de rentedragende leningen: de reële waarde van de obligatielening is gebaseerd op een niveau 1 waardering. De boekwaarde van de obligatielening bedraagt USD 115,5 miljoen, terwijl de reële waarde USD 113,6 miljoen bedraagt. De overige rentedragende leningen zijn gebaseerd op een niveau 2 waardering.
| BASIS VOOR BEPALING VAN REËLE WAARDE: | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Voor verkoop beschikbare beleggingen: | genoteerde biedkoers op balansdatum voor Teeky aandelen/ niet genoteerde fi xing op balansdatum via een openbare veiling via Euronext voor Sibelco aandelen |
||||
| Financiële instrumenten: | contante waarde van toekomstige kasstromen, verdisconteerd aan marktconforme intrestvoeten | ||||
| Leningen: | genoteerde biedkoers op balansdatum voor NOK obligatielening/ contante waarde van toekomstige kasstromen, verdisconteerd aan marktconforme intrestvoeten |
||||
| Leningen aan geassocieerde ondernemin gen en joint ventures |
contante waarde van toekomstige kasstromen, verdisconteerd aan marktconforme intrestvoeten |
Voor bepaalde fi nanciële activa en verplichtingen (handelsvorderingen en overige vorderingen, kas en kasequivalenten en handelsschulden en overige schulden) dewelke niet gewaardeerd worden aan reële waarde, wordt geen reële waarde toegelicht aangezien de boekwaarde een goede benadering is van de reële waarde.
De Raad van Bestuur streeft naar een sterke kapitaalbasis voor de vennootschap om zo het vertrouwen van investeerders, leveranciers en de markt te behouden en verdere uitbouw van de activiteiten te verzekeren. Het evenwicht tussen een hoger rendement dat mogelijk kan zijn door bijkomende leningen en de voordelen van de zekerheid die gepaard gaat met een gezonde kapitaalstructuur worden voortdurend tegen elkaar afgewogen. De Raad van Bestuur houdt tevens het rendement op het eigen vermogen en de dividenduitkeringen in het oog.
EXMAR huurt een aantal schepen onder de vorm van een operationele leasingovereenkomst. De overeenkomsten houden geen beperkingen in voor dividenduitkering, onderverhuur of bijkomende fi nanciering. De kost met betrekking tot de operationale leasing bedraagt USD 11 miljoen voor 2016 (2015: USD 16,1 miljoen) waarvan USD 8,9 miljoen gedragen wordt door onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures (2015: USD 12,8 miljoen). Er werden geen betalingen voor niet annuleerbare onderhuur ontvangen. De toekomstige minimale huurbetalingen zijn als volgt:
| Dochter ondernemingen |
Geassocieerde ondernemingen & Joint ventures |
Dochter ondernemingen |
Geassocieerde ondernemingen & Joint ventures |
|
|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | |||
| HUURVERPLICHTINGEN | ||||
| Minder dan 1 jaar | 1.667 | 8.859 | 1.667 | 8.859 |
| Tussen 1 en 5 jaar | 5.835 | 24.799 | 6.668 | 28.249 |
| Meer dan 5 jaar | 0 | 12.621 | 834 | 18.030 |
| 7.502 | 46.279 | 9.169 | 55.138 |
De bedragen weergegeven voor de geassocieerde ondernemingen en joint ventures vertegenwoordigen EXMAR's aandeel in de huurverplichtingen. De gemiddelde looptijd van de lease overeenkomsten bedraagt 4,6 jaar. De Groep heeft voor sommige activa in leasing aankoopopties, anderen voorzien een mogelijkheid tot verlenging van de overeenkomst op het einde van de huurovereenkomst. Zulke opties tot verlenging werden niet in rekening genomen bij de bepaling van de bovenstaande huurverplichtingen.
De Groep heeft een aantal lange termijn bevrachtingscontracten aangegaan voor bepaalde activa in haar vloot. Voor wat betreft de leasing classifi catie werd beoordeeld dat alle risico's en voordelen binnen de Groep blijven. Als gevolg hiervan kwalifi ceren deze overeenkomsten als operationele huurovereenkomsten. In 2016 bedroegen de inkomsten uit deze contracten USD 197,4 miljoen (2015: USD 179,2 miljoen) waarvan USD 174,4 miljoen verdiend werd door onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures (2015: USD 150,5 miljoen). De toekomstige minimale huurinkomsten bedragen:
| Dochter ondernemingen |
Geassocieerde ondernemingen & Joint ventures |
Dochter ondernemingen |
Geassocieerde ondernemingen & Joint ventures |
|
|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | |||
| HUURRECHTEN | ||||
| Minder dan 1 jaar | 20.992 | 130.855 | 19.377 | 149.108 |
| Tussen 1 en 5 jaar | 3.201 | 382.337 | 22.669 | 406.119 |
| Meer dan 5 jaar | 0 | 516.394 | 0 | 598.678 |
| 24.193 | 1.029.586 | 42.046 | 1.153.905 |
De bedragen weergegeven voor de geassocieerde ondernemingen en joint ventures vertegenwoordigen EXMAR's aandeel in de huurrechten. De gemiddelde looptijd van de huurovereenkomsten bedraagt 3,81 jaar. De Groep heeft voor sommige schepen een aankoopoptie toegekend en sommige overeenkomsten voorzien een mogelijkheid tot verlenging van de overeenkomst op het einde van de huurovereenkomst. Zulke opties tot verlenging werden niet in rekening genomen bij de bepaling van de bovenstaande huurrechten.
Per 31 December 2016 zijn de investeringsverplichtingen zoals onder weergegeven:
| Dochter ondernemingen |
Geassocieerde ondernemingen & Joint ventures |
|
|---|---|---|
| LPG-segment | 0 | 74.144 |
| LNG-segment | 284.100 | 0 |
| 284.100 | 74.144 |
De bedragen toegelicht onder geassocieerde ondernemingen en joint ventures hebben betrekking op ons aandeel in deze geassocieerde ondernemingen en joint ventures. De investeringsverplichtingen hebben betrekking op de midsize vloot in aanbouw alsook op de gecommiteerde investeringen in het LNG segment. De betaling van deze verplichtingen zal gespreid worden over de komende twee jaar.
Met betrekking tot de investeringsverplichtingen aangaande het LPG segment (USD 74,1 miljoen) werden de noodzakelijke fi nancieringen afgesloten.
De investeringsverplichtingen met betrekking tot het LNG segment hebben betrekking op de Caribbean FLNG en de FSRU.
De levering van de Caribbean FLNG wordt verwacht einde april 2017. We verwijzen naar toelichting 23 in dit verband. Op dit moment zal EXMAR een restsaldo van USD 200,5 miljoen dienen te betalen. EXMAR heeft de documentatie voor de fi nanciering van USD 200 miljoen voor de CFLNG door de Bank van China en een grote Europese bank met een looptijd van 12 jaar, gefi naliseerd, en ondertekening, op voorwaarde dat Sinosure zijn voorafgaande goedkeuring geeft, is voorzien voor midden april 2017. Discussies over de toekomstige tewerkstelling van de eenheid zijn gaande met diverse partijen en gaan vooruit; er worden echter geen inkomsten verwacht vóór het begin van 2018. De eenheid zal op de werf worden opgelegd tot hij zal worden overgebracht naar de locatie van overeengekomen tewerkstelling.
Rekening houdende met de huidige marktomstandigheden, werd de bestelling van de tweede FLNG geannuleerd.
De bouw van het hervergassingsplatform (FSRU) dat in aanbouw is bij Wison Offshore & Marine raakte weer op kruissnelheid nadat er in 2016 vertraging was opgelopen. EXMAR onderhandelt actief over tewerkstelling en verwacht een lange termijn overeenkomst te sluiten in dit verband. Drie commerciële opportuniteiten voor tewerkstelling worden actief opgevolgd en ontwikkeld die allen, na levering door de scheepswerf, het transport naar en ingebruikstelling op de defi nitieve locatie voorzien. Op het moment van levering van het platform, dewelke voorzien is voor midden 2017, bestaat er een betalingsverplichting van USD 83,6 miljoen. Financiering zal worden ontwikkeld in parallel met de onderhandelingen over de tewerkstelling. Verschillende fi nancieringsmogelijkheden worden momenteel onderzocht.
Meerdere ondernemingen van de Groep zijn betrokken in een aantal kleinere juridische geschillen voortkomend uit de uitoefening van hun dagelijks beheer. Het bestuur verwacht niet dat de uitslag van deze procedures een materieel effect op de fi nanciële positie van de Groep zal hebben.
Een schip in handen van één van onze joint ventures was partij bij een leasingovereenkomst waarbij de lessor de kapitaaluitgaven voor het aanschaffen van deze schepen kon afschrijven. Kenmerkend voor dit soort leasingovereenkomsten is dat de fi scale risico's en risico's van wetswijziging gedragen worden door de lessee. Onze joint venture beëindigde deze leasingovereenkomst in 2013. Echter, indien de belastingdienst van het Verenigd Koninkrijk ("HMRC")de fi scale behandeling van de lease door de Britse lessor succesvol aanvecht, kunnen wij verplicht worden om de lessor schadeloos te stellen voor te betalen belastingen. Op dit moment is de Raad van Bestuur niet in staat om de mogelijke uitstroom als gevolg van deze zaak te berekenen.
We verwijzen in dit verband eveneens naar het remuneratieverslag (voor het remuneratiebeleid) en naar het Verslag van de Raad van Bestuur (voor informatie met betrekking tot belangenconfl icten).
De Groep heeft relaties met verbonden partijen op het niveau van relaties met dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen, met zijn meerderheidsaandeelhouders, bestuurders en managers.
Saverbel NV en Saverex NV, gecontroleerd door Nicolas Saverys (CEO van EXMAR), rekende voor administratieve prestaties geleverd in 2016 KEUR 480 (2015: KEUR 170) aan aan de Groep. De uitstaande schuld op jaareinde in dit verband bedroeg KEUR 138.
Per 31 december 2016 bedroeg de openstaande schuldvordering tov de heer Nicolas Saverys KEUR 259 als gevolg van doorgerekende privé uitgaven.
De meerderheidsaandeelhouder Saverex NV legt een geconsolideerde jaarrekening, beschikbaar in België, neer.
EXMAR levert algemene diensten, boekhoudkundige diensten, management diensten, bouwtoezicht diensten en scheepsbemannings en -onderhoud diensten aan aan haar joint ventures en geassocieerde ondernemingen. Voor al deze diensten worden vergoedingen aangerekend aan de joint ventures en geassocieerde ondernemingen gebaseerd op contracten tussen alle betrokken partijen. Onderstaande tabel geeft een overzicht van alle signifi cante vorderingen per 31/12/2016, signifi cante schulden per 31/12/2016 en de gerelateerde bedragen geregistreerd in de resultatenrekening als gevolg van geleverde diensten in 2016.
| Vorderingen per 31/12/2016 |
Schulden per 31/12/2016 |
Geleverde diensten 2016 |
|
|---|---|---|---|
| DIENSTEN (IN DUIZENDEN EUR) | |||
| Scheepsbemannings en -onderhoud diensten | 5.603 | 1.503 | 20.514 |
| Algemene. boekhoudkundige en management diensten | 227 | 5.194 | 727 |
| Bouwtoezicht diensten | 683 | 0 | 2.367 |
EXMAR verstrekt eveneens leningen aan haar joint ventures en geassocieerde ondernemingen waarvoor intrestopbrengsten geregistreerd werden in de cijfers. We verwijzen in dit verband naar toelichting 16 voor een overzicht van deze leningen en naar toelichting 7 voor het totaal bedrag van deze intrestopbrengsten.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| RAAD VAN BESTUUR (IN DUIZENDEN EUR) | ||
| Voorzitter | 100 | 100 |
| Andere leden | 50 | 50 |
| Totaal betaald (*) | 500 | 481 |
(*) Het totaal bedrag betaald aan de leden van de Raad van Bestuur betreft het bedrag aan vergoedingen aan niet uitvoerende en onafhankelijke bestuurders. De bestuurders die deel uitmaken van het directiecomité en als dusdanig werden vergoed hebben verzaakt aan de vergoeding als bestuurder. Er werden geen aandelenopties, leningen en/of voorschotten toegekend.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| AUDITCOMITÉ (IN DUIZENDEN EUR) | ||
| Voorzitter | 20 | 20 |
| Andere leden | 10 | 10 |
| Totaal betaald | 50 | 50 |
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| BENOEMINGS- EN REMUNERATIECOMITÉ (IN DUIZENDEN EUR) | ||
| Leden | 10 | 10 |
| Totaal betaald | 30 | 30 |
De vergoeding van de leden van het directiecomité wordt jaarlijks vastgelegd door de Raad van Bestuur op voorstel van het benoemings- en remuneratiecomité. In 2016 telde het directiecomité gemiddeld 6 leden (exclusief de CEO). Zes leden van het directiecomité (inclusief de CEO) hebben het statuut van zelfstandige. Zij hebben in het geval van beëindiging van hun mandaat geen recht op enige vorm van verbrekingsvergoeding, met uitzondering van de overeenkomst met Lara Consult NV vertegenwoordigd door Bart Lavent en de overeenkomst met Chirmont NV vertegenwoordigd door Miguel de Potter. In het geval van beeindiging zou Lara Consult BVBA recht hebben op een vergoeding die overeenstemt met zeven maanden loon en Chirmont NV op een vergoeding die overeenstemt met drie maanden loon. David Lim is tewerkgesteld via een overeenkomst volgens de Amerikaanse regelgeving. De vergoeding bestaat uit een vast en een variabel deel. Het variabel deel wordt bepaald op basis van de fi nanciële resultaten van de Groep.
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| DIRECTIECOMITÉ. EXCLUSIEF CEO (IN DUIZENDEN EUR) | ||
| TOTAAL VASTE VERGOEDING | 2.763 | 2.869 |
| waarvan voor pensioenplannen en verzekering | 326 | 320 |
| waarvan waarde van opties | 0 | 192 |
| TOTAAL VARIABELE VERGOEDING | 0 | 1.150 |
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| CEO (IN DUIZENDEN EUR) | ||
| TOTAAL VASTE VERGOEDING | 1.036 | 1.096 |
| waarvan voor pensioenplannen en verzekering | 212 | 212 |
| waarvan waarde van opties | 0 | 61 |
| TOTAAL VARIABELE VERGOEDING | 0 | 350 |
Aan de leden van het directiecomité werden geen leningen toegestaan in 2016. Per 31 december 2016 bedroeg de openstaande schuldvordering tov de heer Nicolas Saverys KEUR 259 als gevolg van doorgerekende privé uitgaven.
De leden van het directiecomité behoren tot de begunstigden van de 9 aandelenoptieplannen, goedgekeurd door de Raad van Bestuur. Het gecumuleerd aantal opties (plan 1-4, plan 6-10) dat aan de leden werd toegekend is als volgt:
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| AANTAL TOEGEKENDE OPTIES | ||
| Nicolas Saverys | 405.181 | 425.430 |
| Patrick De Brabandere | 198.807 | 198.807 |
| Pierre Dincq | 119.829 | 119.829 |
| Marc Nuytemans | 148.928 | 148.928 |
| Bart Lavent | 92.975 | 92.975 |
| Miguel de Potter | 93.488 | 93.488 |
| David Lim | 146.158 | 146.158 |
| 1.205.366 | 1.225.615 |
| Ondernemings | Consolidatie | Belang | |||
|---|---|---|---|---|---|
| Land van vestiging | nummer | methode | 2016 | 2015 | |
| GECONSOLIDEERDE VENNOOTSCHAPPEN | |||||
| JOINT VENTURES | |||||
| Blackbeard Shipping Ltd (*) | Hong Kong | Vermogensmutatie | 0,00% | 50,00% | |
| Estrela Ltd | Hong Kong | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | |
| Excelerate NV | België | 0870.910.441 | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% |
| Excelsior BVBA | België | 0866.482.687 | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% |
| Exmar Gas Shipping Ltd | Hong Kong | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | |
| Exmar LPG BVBA | België | 0501.532.758 | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% |
| Exmar Shipping BVBA | België | 0860.978.334 | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% |
| Explorer NV | België | 0896.311.177 | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% |
| Express NV | België | 0878.453.279 | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% |
| Good Investment Ltd | Hong Kong | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | |
| Marching Prospects (*) | Hong Kong | Vermogensmutatie | 0,00% | 50,00% | |
| Monteriggioni Inc | Liberia | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | |
| Reslea NV | België | 0435.390.141 | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% |
| Solaia Shipping Llc | Liberië | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | |
| Splendid Ltd (*) | Hong Kong | Vermogensmutatie | 0,00% | 50,00% | |
| GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN |
|||||
| Bexco NV | België | 0412.623.251 | Vermogensmutatie | 44,91% | 44,91% |
| Electra Offshore Ltd (**) | Hong Kong | Integraal/ vermogensmutatie |
40,00% | 100,00% | |
| Exview Hong Kong Ltd (**) | Hong Kong | Integraal/ vermogensmutatie |
40,00% | 100,00% | |
| Marpos NV | België | 0460.314.389 | Vermogensmutatie | 45,00% | 45,00% |
| Springmarine Nigeria Ltd (**) | Nigeria | Integraal/ vermogensmutatie |
40,00% | 100,00% | |
| DOCHTERONDERNEMINGEN | |||||
| Belgibo NV | België | 0416.986.865 | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Best Progress International Ltd (***) |
Hong Kong | Vermogensmutatie/ integraal |
100,00% | 50,00% | |
| Caribbean FLNG SAS (*) | Colombië | Integraal | 0,00% | 100,00% | |
| CMC Belgibo BVBA (****) | België | 0456.815.263 | Vermogensmutatie/ integraal |
100,00% | 49,90% |
| Croxford Ltd (***) | Hong Kong | Vermogensmutatie/ integraal |
100,00% | 50,00% | |
| DV Offshore SAS | Frankrijk | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| ECOS SRL | Italië | Integraal | 60,00% | 60,00% |
| Ondernemings | Consolidatie | Belang | |||
|---|---|---|---|---|---|
| Land van vestiging | nummer | methode | 2016 | 2015 | |
| GECONSOLIDEERDE VENNOOTSCHAPPEN | |||||
| GROEPSENTITEITEN VERVOLG | |||||
| Exmar Energy Hong Kong Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Energy Netherlands BV | Nederland | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar General Partner Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Holdings Ltd | Liberië | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Hong Kong Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar LNG Holding NV | België | 0891.233.327 | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Exmar LNG Infrastructure NV | België | 0555.660.441 | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Exmar LNG Investments Ltd | Liberië | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Lux SA | Luxemburg | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Marine NV | België | 0424.355.501 | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Exmar Netherlands BV | Nederland | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar NV | België | 0860.409.202 | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Exmar Offshore Company | USA | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Offshore Ltd | Bermuda | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Offshore Services SA | Luxemburg | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Offshore NV | België | 0882.213.020 | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Exmar Opti Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Singapore Pte Ltd | Singapore | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Shipmanagement NV | België | 0442.176.676 | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Exmar Shipmanagement India Private Ltd |
India | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Shipping USA Inc | USA | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar (UK) Shipping Company Ltd |
Verenigd Koninkrijk |
Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Yachting NV | België | 0546.818.692 | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Export LNG Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Farnwick Shipping Ltd (***) | Liberië | Vermogensmutatie/ integraal |
100,00% | 50,00% | |
| Franship Offshore Lux SA | Luxemburg | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Fertility Development Co. Ltd (***) |
Hong Kong | Vermogensmutatie/ integraal |
100,00% | 50,00% | |
| Glory Transportation Ltd (***) | Hong Kong | Vermogensmutatie/ integraal |
100,00% | 50,00% | |
| Hallsworth Marine Co. (***) | Liberië | Vermogensmutatie/ integraal |
100,00% | 50,00% | |
| Internationaal Maritiem Agent schap NV |
België | 0404.507.915 | Integraal | 99,03% | 99,03% |
| Kellett Shipping Inc | Liberië | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Laurels Carriers Inc (***) | Liberië | Vermogensmutatie/ integraal |
100,00% | 50,00% | |
| Talmadge Investments Ltd (***) | British Virgin Islands |
Vermogensmutatie/ integraal |
100,00% | 50,00% | |
| Tecto Cyprus Ltd | Cyprus | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Tecto Luxembourg SA | Luxemburg | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Travel Plus NV | België | 0442.160.147 | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Universal Crown Ltd (***) | Hong Kong | Vermogensmutatie/ integraal |
100,00% | 50,00% | |
| Vine Navigation Co. (***) | Liberië | Vermogensmutatie/ integraal |
100,00% | 50,00% |
(*) De ondernemingen aangeduid met een (*) werden geliquideerd gedurende 2016.
(**) De ondernemingen aangeduid met een (**) maken deel uit van de WARIBOKO transactie. Einde mei 2016 heeft EXMAR 60% van haar belang in de WARIBOKO verkocht aan haar Nigeriaanse partner Springview. Zie toelichting 10 voor meer informatie in dit verband.
(***) De ondernemingen aangeduid met een (***) maken deel uit van de pressurized vloot transactie en zijn 100% groepsvennootschappen vanaf einde juni 2016. We verwijzen naar toelichting 9 voor verdere informatie.
(***) Vanaf einde 2016 is CMC Belgibo een 100% groepsonderneming. Zie toelichting 9 voor verdere informatie.
| Slotkoersen | Gemiddelde koersen | |||
|---|---|---|---|---|
| 2016 | 2015 | 2016 | 2015 | |
| WISSELKOERSEN | ||||
| USD | 1,0541 | 1,0887 | 1,1061 | 1,1150 |
| GBP | 0,8562 | 0,7340 | 0,8125 | 0,7279 |
| HKD | 8,1751 | 8,4376 | 8,5845 | 8,6438 |
Alle gehanteerde wisselkoersen worden uitgedrukt ten opzichte van de EURO.
De wereldwijde vergoeding voor audit en overige werkzaamheden uitgevoerd door de commissaris KPMG Bedrijfsrevisoren of de aan hen gerelateerde personen of vennootschappen kan als volgt worden gedetailleerd:
| 2016 | 2015 | |
|---|---|---|
| VERGOEDING AAN DE COMMISSARIS | ||
| Audit van de jaarrekeningen | 432 | 430 |
| Audit gerelateerde diensten | 35 | 48 |
| Fiscale dienstverlening | 101 | 179 |
| 568 | 657 |
Voor 2015 en 2016 overtreffen de non-audit diensten de audit diensten niet.
Op 10 januari 2017 werd het LPG schip BRUGGE VENTURE verkocht. Dit schip werd gepresenteerd als aangehouden voor verkoop in de segment rapportering (zie toelichting 2 in dit verband). De verkoop heeft geresulteerd in een winst van USD 0,6 miljoen.
Op 28 maart 2017 werd de KALLO geleverd. De KALLO is één van de 4 LPG nieuwbouw schepen, dewelke geregistreerd is binnen EXMAR Shipping (joint venture).
Het offshore platform KISSAMA gaat verkocht worden in april 2017. De geschatte meerwaarde van de verkoop bedraagt USD 1 miljoen.
In september 2016 knoopten EXMAR en VOPAK verkennende gesprekken aan over een mogelijke overname door VOPAK van EXMAR's deel in zijn drijvende gasopslag en –hervergassingsactiviteiten(FSRU's). Deze gesprekken mondden uit in het ondertekenen door EXMAR en VOPAK van een akkoord op 21 december 2016 voor de aankoop door VOPAK van de FSRU activiteiten van EXMAR en de samenwerking tussen EXMAR en VOPAK in toekomstige projecten. Dit akkoord wordt echter pas effectief eens bepaalde voorwaarden zijn vervuld en goedkeuringen zijn bekomen van meerdere belanghebbenden. EXMAR en VOPAK werken aan de implementatie van deze transactie. De timing van de closing van de transactie is onduidelijk.
De raad van bestuur, vertegenwoordigd door Nicolas Saverys en Patrick De Brabandere en het directiecomité, vertegenwoordigd door Nicolas Saverys en Miguel de Potter, verklaren in naam en voor rekening van de vennootschap, dat, voorzover hen bekend,
-het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en de resultaten van het bedrijf en van de positie van de emittent en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen, alsmede een beschrijving van de voornaamste risico's en onzekerheden waarmee zij geconfronteerd worden
Overeenkomstig de wettelijke bepalingen, brengen wij u verslag uit in het kader van ons mandaat van commissaris. Dit verslag omvat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2016, zoals hieronder gedefi nieerd, en omvat tevens ons verslag betreffende overige door wet- en regelgeving gestelde eisen.
Wij hebben de controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van EXMAR NV ("de Vennootschap") en haar dochterondernemingen (samen "de Groep") opgesteld in overeenstemming met International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften. Deze geconsolideerde jaarrekening omvat de geconsolideerde balans op 31 december 2016, het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, het geconsolideerde mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerde kasstroomoverzicht voor het boekjaar afgesloten op die datum, evenals een toelichting die een overzicht van de voornaamste gehanteerde grondslagen voor fi nanciële verslaggeving en overige informatieverschaffi ng bevat. Het geconsolideerde balanstotaal bedraagt KUSD 999.964 en het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten sluit af met een winst van het boekjaar van KUSD 35.818.
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met International Financial Reporting Standards (IFRS), zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor het implementeren van een interne beheersing die het bestuursorgaan noodzakelijk acht voor het opstellen van een geconsolideerde jaarrekening die geen afwijkingen van materieel belang bevat, die het gevolg zijn van fraude of van fouten.
Het is onze verantwoordelijkheid een oordeel over deze geconsolideerde jaarrekening tot uitdrukking te brengen op basis van onze controle. Wij hebben onze controle volgens de internationale controlestandaarden (ISA's) zoals deze in België werden aangenomen, uitgevoerd. Die standaarden vereisen dat wij aan de deontologische vereisten voldoen alsook de controle plannen en uitvoeren om een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen dat de geconsolideerde jaarrekening geen afwijkingen van materieel belang bevat.
Een controle omvat werkzaamheden ter verkrijging van controle-informatie over de in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen bedragen en toelichtingen. De geselecteerde werkzaamheden zijn afhankelijk van de beoordeling door de commissaris, met inbegrip van diens inschatting van de risico's van een afwijking van materieel belang in de geconsolideerde jaarrekening als gevolg van fraude of van fouten. Bij het maken van die risico-inschatting neemt de commissaris de interne beheersing in aanmerking die relevant is voor het opstellen door de Vennootschap van de geconsolideerde jaarrekening, die een getrouw beeld geeft, teneinde controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar die niet gericht zijn op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne beheersing van de Groep. Een controle omvat tevens een evaluatie van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor fi nanciële verslaggeving en van de redelijkheid van door het bestuursorgaan gemaakte schattingen, alsmede een evaluatie van de presentatie van de geconsolideerde jaarrekening als geheel.
Wij hebben van de verantwoordelijken en van het bestuursorgaan van de Vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.
Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is om daarop ons oordeel zonder voorbehoud te baseren.
Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van het vermogen en de geconsolideerde fi nanciële toestand van de Groep op 31 december 2016 evenals van haar geconsolideerde resultaten en geconsolideerde kasstromen voor het boekjaar eindigend op die datum, in overeenstemming met International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.
We vestigen de aandacht op toelichting 21 van de geconsolideerde jaarrekening die aangeeft dat de groep geconfronteerd wordt met een aantal gebeurtenissen en omstandigheden, die aanwijzen dat een van materieel belang zijnde onzekerheid bestaat die signifi cante twijfel kan doen rijzen over de mogelijkheid van de vennootschap om haar continuïteit te handhaven. Ons oordeel is niet aangepast met betrekking tot deze aangelegenheid en blijft zonder voorbehoud.
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening.
In het kader van ons mandaat en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden, is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, de naleving van bepaalde wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften na te gaan. Op grond hiervan doen wij de volgende bijkomende verklaring die niet van aard is om de draagwijdte van ons oordeel over de geconsolideerde jaarrekening te wijzigen:
-Het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening behandelt de door de wet vereiste inlichtingen, stemt overeen met de geconsolideerde jaarrekening en bevat geen van materieel belang zijnde inconsistenties ten aanzien van de informatie waarover wij beschikken in het kader van ons mandaat.
Kontich, 14 april 2017 - KPMG Bedrijfsrevisoren Commissaris vertegenwoordigd door Serge Cosijns Bedrijfsrevisor
De jaarrekening van EXMAR NV wordt hierna volgens een beknopt schema voorgesteld. De volledige versie van de jaarrekening van EXMAR NV wordt neergelegd bij de Nationale Bank van België en is beschikbaar op de website (www.exmar.be). Een kopie van de jaarrekening kan kosteloos verkregen worden op aanvraag. In zijn verslag heeft de commissaris geen voorbehoud gemaakt betreffende de statutaire jaarrekening van EXMAR NV, een extra paragraaf werd opgenomen waar een bepaalde aangelegenheid werd benadrukt. Deze paragraaf is gelijkaardig aan de paragraaf dewelke werd opgenomen in het geconsolideerde commissarisverslag dewelke opgenomen werd in dit rapport.
| 31/12/16 | 31/12/15 | |
|---|---|---|
| ACTIVA | ||
| VASTE ACTIVA | 681.164 | 668.115 |
| Immateriële en materiële vaste activa | 987 | 1.432 |
| Financiële vaste activa | 680.177 | 666.683 |
| VLOTTENDE ACTIVA | 210.106 | 236.961 |
| Vorderingen op meer dan 1 jaar | 28.548 | 37.511 |
| Vorderingen op ten hoogste 1 jaar | 61.688 | 72.911 |
| Geldbeleggingen | 51.396 | 50.553 |
| Liquide middelen | 67.648 | 75.374 |
| Overlopende rekeningen | 826 | 612 |
| TOTALE ACTIVA | 891.270 | 905.076 |
| PASSIVA | ||
| EIGEN VERMOGEN | 537.994 | 548.198 |
| Kapitaal | 88.812 | 88.812 |
| Uitgiftepremies | 209.902 | 209.902 |
| Reserves | 92.530 | 100.857 |
| Overgedragen resultaat | 146.750 | 148.627 |
| VOORZIENINGEN | 2.697 | 2.697 |
| Voorzieningen en uitgestelde belastingen | 2.697 | 2.697 |
| SCHULDEN | 350.579 | 354.181 |
| Schulden op meer dan 1 jaar | 270.167 | 285.216 |
| Schulden op ten hoogste 1 jaar | 79.093 | 67.872 |
| Overlopende rekeningen | 1.319 | 1.093 |
| TOTAAL PASSIVA | 891.270 | 905.076 |
| 01/01/2016 - | 01/01/2015 - | |
|---|---|---|
| WINST- EN VERLIESREKENING | 31/12/2016 | 31/12/2015 |
| WINST - EN VERLIESREKENING | ||
| Bedrijfsopbrengsten | 3.606 | 4.847 |
| Bedrijfskosten | -7.801 | -23.484 |
| BEDRIJFSRESULTAAT | -4.195 | -18.637 |
| Financiële opbrengsten | 41.319 | 142.687 |
| Financiële kosten | -40.707 | -66.726 |
| RESULTAAT VOOR BELASTINGEN | -3.583 | 57.324 |
| Belastingen op het resultaat | 2 | -7 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | -3.581 | 57.317 |
| RESULTAATSVERWERKING | ||
| Te bestemmen winst | 145.046 | 167.296 |
| Onttrekking/toevoeging aan reserves | 8.327 | 960 |
| Over te dragen resultaat | -146.750 | -148.627 |
| Uitkering van winst | -6.623 | -19.629 |
Baron Philippe Bodson – Voorzitter Nicolas Saverys – CEO Ludwig Criel Patrick De Brabandere – COO Baron Philippe Vlerick Michel Delbaere Howard Gutman Jens Ismar Ariane Saverys Barbara Saverys Pauline Saverys
Nicolas Saverys – Chief Executive Offi cer, Voorzitter Patrick De Brabandere – Chief Operating Offi cer Miguel de Potter – Chief Financial Offi cer Pierre Dincq – Managing Director Shipping Bart Lavent – Managing Director LNG Infrastructure David Lim – Managing Director Offshore Marc Nuytemans – CEO Exmar Shipmanagement
KPMG – Bedrijfsrevisoren Vertegenwoordigd door Dhr. Serge Cosijns
De Gerlachekaai 20 2000 Antwerpen Tel: +32(0)3 247 56 11 Fax: +32(0)3 247 56 01
Ondernemingsnummer: 0860.409.202 RPR Antwerpen Website: www.exmar.be E-mail: [email protected]
Alle persberichten van EXMAR kunnen geraadpleegd worden op de website: www.exmar.be.
Vragen kunnen telefonisch gesteld worden op het nummer +32(0)3 247 56 11 of per e-mail via [email protected], ter attentie van Patrick De Brabandere (COO), Miguel de Potter (CFO) of Mathieu Verly (Secretaris).
Onze jaarverslagen en halfjaarverslagen kunnen worden aangevraagd op: [email protected].
De Nederlandse versie van dit jaarverslag moet als offi ciële versie worden beschouwd.
Aandeelhoudersvergadering 16 mei 2017 Defi nitieve resultaten 1e semester 2017 8 september 2017 Resultaten 3e kwartaal 2017 26 oktober 2017
| BFI | Baltic Freight Index |
|---|---|
| BIC | Belgibo Industry Cargo |
| BIM | Bureau International Maritime |
| BOPD | Olievaten per dag |
| BTX | Mengsel van benzeen, tolueen en xylenen |
| C4 | Ruwe betadine |
| CEO | Chief Executive Offi cer |
| CFLNG | Caribbean FLNG |
| COA | Co-enzym A |
| CoA | Bevrachtingscontract |
| DA | Disbursement Accounts |
| DVO | DV Offshore |
| EBIT | Earnings before interest and taxes |
| EBITDA | Earnings before interest, taxes, depreciation, and amortization |
| EE | Excelerate Energy |
| EOC | Exmar Offshore Company |
| ESM | Exmar Ship Management |
| FID | Final Investment Decision |
| FLNG | Drijvende liquefactie-eenheid |
| FPS | Drijvend productiesysteem |
| FPSO | Drijvend productie-, opslag- en overslagsysteem |
| FSU | Drijvende opslageenheid |
| FSRU | Drijvende hervergassingseenheid |
| HHIC | Hanjin Heavy Industries and Construction |
| HSEEQ | Gezondheid, Veiligheid, Milieu en Kwaliteit |
| HYSIS | Hyperspectral Instrument Simulator |
| IAS | Internationale boekhoudstandaard |
| IFRS | Internationale fi nanciële rapportering standaard |
| IGF | Internationale veiligheidscode voor schepen gebruik makend van gassen of andere brandstoffen met een laag vlampunt |
| ISO | Internationale Organisatie voor Standaardisatie |
| JV | Joint venture |
| k | 1.000 |
| LGC | Vloeibare aardgas tanker |
| LNG | Vloeibaar aardgas |
| LNG/C | Hervergassingsschip voor vloeibaar aardgas |
| LNG/RV | Liquefi ed Natural Gas Regasifi cation Vessel |
|---|---|
| LPG | Vloeibaar petroleumgas |
| MAS | Bijziondere marine- en luchtvaartrisico's |
| MCRM | Maritime Crew Resource Management |
| MGC | Middelgrote gastanker |
| Midsize | 20.000 m³ tot 40.000 m³ |
| MMBOE | Miljoen vaten olie-equivalent |
| MMCFD | Miljoenen kubieke voeten per dag |
| MMSCFD | Miljoenen standaard kubieke voeten per dag |
| MT | Metric tonnes |
| MTPA | Miljoen ton per jaar |
| NH | Ammoniak |
| NYSE | New York Stock Exchange |
| OB | Orderboek |
| OECD | De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling |
| OGIS | Oil and Gas Infrastructure Services |
| OLT | Offshore LNG Toscana |
| OPEC | Organisatie van de Petroleum Exporterende Landen |
| Petchems | Petrochemicaliën |
| PEP | Pacifi c Exploration and Production |
| POB | Personen aan boord |
| PRE | Pacifi c Rubiales Energy (nu PEP) |
| PVC | Polyvinylchloride |
| REBITDA | Recurring earnings before interests, taxes, depreciations and amortizations |
| SEEMP | Schip energie effi cientie management plan |
| STCW | Standaarden van training, certifi catie en wachtdienst |
| STS | Ship-to-ship |
| T0300 | Drie uur 's ochtends |
| TC | Time chartered |
| TCE | Timecharter equivalent |
| U/C | In aanbouw |
| ULCV | Zeer groot containerschip |
| US | United States |
| USA | United States of America |
| USD | United States Dollar |
| VCM | Vinyl Chloride Monomer |
| VLGC | Zeer grote gastanker |
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.