Annual Report • Apr 17, 2020
Annual Report
Open in ViewerOpens in native device viewer
| GECONSOLIDEERDE KERNCIJFERS |
International Financial Reporting Standards (IFRS 11) (Voetnoot 1) |
Management rapportering gebaseerd op proportionele consolidatie (Voetnoot 2) |
||
|---|---|---|---|---|
| 31/12/2019 | 31/12/2018 (*) |
31/12/2019 | 31/12/2018 (*) |
|
| GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN (IN MILJOEN USD) | ||||
| Omzet | 136,7 | 87,7 | 225,0 | 171,6 |
| EBITDA | 47,3 | 27,5 | 100,9 | 67,4 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -31,9 | -19,0 | -66,5 | -45,4 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 15,4 | 8,5 | 34,4 | 22,0 |
| Nettofi nancieringsresultaat | -26,0 | -21,0 | -43,3 | -36,6 |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen en joint ventures (na belastingen) |
1,7 | -1,6 | 0,2 | 0,6 |
| Resultaat vóór belastingen | -8,9 | -14,2 | -8,7 | -14,0 |
| Belastingen op het resultaat | -4,3 | -1,9 | -4,5 | -2,1 |
| Geconsolideerd resultaat na belastingen | -13,2 | -16,1 | -13,2 | -16,1 |
| Aandeel van de Groep in het resultaat | -13,2 | -15,9 | -13,2 | -15,9 |
| GEGEVENS PER AANDEEL (IN USD PER AANDEEL) | ||||
| Gewogen gemiddelde van het aantal aandelen tijdens de periode | 57.226.737 | 57.045.439 | 57.226.737 | 57.045.439 |
| EBITDA | 0,83 | 0,48 | 1,76 | 1,18 |
| EBIT (bedrijfsresultaat) | 0,27 | 0,15 | 0,60 | 0,39 |
| Geconsolideerd resultaat na belastingen | -0,23 | -0,28 | -0,23 | -0,28 |
| GEGEVENS PER AANDEEL (IN EUR PER AANDEEL) | ||||
| Wisselkoers | 1,1213 | 1,1838 | 1,1213 | 1,1838 |
| EBITDA | 0,74 | 0,41 | 1,57 | 1,00 |
| EBIT (bedrijfsresultaat) | 0,24 | 0,13 | 0,54 | 0,33 |
| Geconsolideerd resultaat na belastingen | -0,21 | -0,24 | -0,21 | -0,24 |
Voetnoot 1: De cijfers in deze kolommen werden opgemaakt op basis van IFRS zoals toegepast door de EU.
Voetnoot 2: De cijfers in deze kolommen tonen de joint ventures die de proportionele consolidatiemethode toepassen in plaats van de vermogensmutatiemethode. Deze cijfers komen overeen met de bedragen in de "Totaal" kolom van toelichting 2 Segmentrapportering in het Financieel Verslag per 31 december 2019. Een reconciliatie tussen de bedragen met toepassing van de proportionele methode en de vermogensmutatiemethode is weergegeven in toelichting 3 in het Financieel Verslag van 31 december 2019.
(*) De Groep heeft IFRS 16 toegepast per 1 januari 2019, gebruik makend van de "modifi ed retrospective method". Onder deze methode worden de cijfers van het voorgaande boekjaar niet herwerkt. Het eff ect van de initiële toepassing van IFRS 16 op het eigen vermogen werd bepaald als zijnde nihil. We verwijzen in dit verband naar de waarderingsregels sectie E en naar toelichting 31.
Belangrijkste
in MUSD op 31.12.2019 (volgens de proportionele consolidatiemethode)
ratio's
Woordenlijst p. 130
1
Baron Philippe Bodson, Voorzitter van de Raad van Bestuur van EXMAR is na een moeizame strijd van drie weken tegen het COVID-19 virus overleden te Brussel op 4 april 2020. Philippe Bodson was geboren te Luik op 2 november 1944.
In 1977 werd hij Gedelegeerd Bestuurder en Voorzitter van Glaverbel van 1980 tot 1989. Hij was Voorzitter van het VBO van 1987 tot 1990. Van 1989 tot 1999, was de Heer Bodson Gedelegeerd Bestuurder van Tractebel en Voorzitter van Electrabel en Distrigas. Hij zetelde in de Belgische Senaat van 1999 tot 2003. Nadien, en tot vorige week, zette hij zijn indrukwekkende carrière verder. Hij was Voorzitter van de Raad van Bestuur van Floridienne en Hamon, Voorzitter van Free Fair Post Initiative (NGO), lid van de Raden van Bestuur van AEI (Houston), Bluesky, Cobepa. Tevens was hij raadgever van Credit Suisse en Voorzitter van de International Polar Foundation.
Sinds 2003 was Philippe Bodson lid van de Raad van Bestuur van EXMAR. In 2005 werd hij benoemd als Voorzitter.
Tijdens momenten van crisis en in moeilijke situaties was Philippe Bodson op zijn best. Kracht en inspiratie deed hij onder meer op tijdens zijn wandelingen, veelal alleen, in de Hoge Venen.
Onze Voorzitter was een groot voorstander van innovatie. Zowel op vlak van technische oplossingen als operationele processen kon hij een bijdrage leveren aan de Vennootschap. Hij begreep EXMAR ten volle.
Tijdens de moeilijke jaren van EXMAR bracht hij rust aan de bestuurstafel.
Baron Philippe Bodson was een uitzonderlijke persoonlijkheid, gerespecteerd en geliefd voor zijn onvoorwaardelijke toewijding aan het leven en aan de EXMAR Groep.
Philippe Bodson was een man uit graniet gehouwen met tal van menselijke eigenschappen en een aanstekelijk enthousiasme. Hij had het in zich om mensen beter en sterker te maken, om mensen te prikkelen, steeds met een streep humor. Hij slaagde erin eensgezindheid te brengen, reageerde geestdriftig, maar vergat nooit naar anderen te luisteren.
Baron Bodson liet ons een legaat na, en het is onze zaak zijn wijsheid en liefde voor het ondernemerschap en innovatie verder te promoten.
Persoonlijk verloor ik aan Philippe Bodson een goede en dierbare vriend. Hij was een voorbeeld en bezieler. Hij blijft voor mij een inspiratiebron om met gedrevenheid oplossingen te zoeken en alzo een innovatieve en kostefficiënte reder te zijn.
Nicolas Saverys
Baron Philippe Bodson – († 4 april 2020) Nicolas Saverys – Executive Chairman Francis Mottrie Jalcos NV – vertegenwoordigd door Ludwig Criel Wouter De Geest Michel Delbaere Ariane Saverys Barbara Saverys Pauline Saverys Baron Philippe Vlerick Isabelle Vleurinck
Francis Mottrie – CEO - Voorzitter Patrick De Brabandere – Chief Financial Officer Jens Ismar – Executive Director Shipping Jonathan Raes – Executive Director Infrastructure Carl-Antoine Saverys – Secretaris Nicolas Saverys
Deloitte Bedrijfsrevisoren Vertegenwoordigd door de heer Gert Vanhees
De Gerlachekaai 20 2000 Antwerpen Tel: +32(0)3 247 56 11 Fax: +32(0)3 247 56 01 Ondernemingsnummer: 0860.409.202 RPR Antwerpen – afdeling Antwerpen Website: www.exmar.be E-mail: [email protected]
De Nederlandstalige versie van dit verslag moet als officiële versie worden beschouwd.
EXMAR biedt drijvende oplossingen voor de exploitatie, het vervoer en de transformatie van gas aan. EXMAR wil haar klanten van dienst zijn met innovaties op het vlak van offshore-ontginning, transformatie, productie, opslag en vervoer over zee van vloeibaar aardgas, petrochemische gassen en vloeibare koolwaterstoffen.
EXMAR ontwikkelt economisch haalbare en duurzame waardeketens voor energie, in het kader van langlopende allianties met eersteklas zakenpartners. Hiertoe ontwerpt, bouwt, bezit, leaset en exploiteert EXMAR gespecialiseerde drijvende maritieme infrastructuur. Ook voldoet het bedrijf aan de strengste normen voor commercieel, technisch en administratief beheer en kwaliteitsborging voor de hele maritieme energiesector.
Dit jaarverslag wordt overschaduwd door het verlies van onze voorzitter, Baron Philippe Bodson. Zoals velen onder u weten, is Philippe onverwacht overleden op 75-jarige leeftijd, ten gevolge van COVID-19. EXMAR brengt eerbetoon aan deze uitzonderlijke persoonlijkheid, bewonderd en geliefd om zijn onvoorwaardelijke toewijding aan het leven, en aan de EXMAR Groep.
De COVID-19 pandemie duwt de wereld in een ongeziene economische crisis.
Toch kijken wij met een positieve ingesteldheid naar de toekomst. In deze turbulente tijd doet EXMAR het namelijk goed. Na enkele moeilijke jaren hebben wij de verschillende projecten kunnen afronden en is de stabiliteit weergekeerd. Al onze schepen presteren volgens hun onderliggende contracten. We hebben verschillende operationele maatregelen genomen, zowel aan wal als aan boord, om de veiligheid en het
welzijn van ons personeel en de continuïteit van onze activiteiten te kunnen waarborgen.
Binnen de Raad van Bestuur werd Nicolas Saverys als Executive Chairman verkozen en Francis Mottrie werd gecoöpteerd als bestuurder en benoemd tot CEO.
2019 was ook een jaar van transformatie voor EXMAR op bedrijfsniveau. De ondernemingsstructuur werd geoptimaliseerd en herleid tot een vereenvoudigde businessunit structuur: EXMAR Shipping en EXMAR Infrastructure. EXMAR heeft ook een nieuw directiecomité:
CEO en Voorzitter van het directiecomité
Jens Ismar,
Managing Director Shipping
Managing Director Infrastructure
Carl-Antoine Saverys, Secretaris van het directiecomité
De stijging van de productie van LPG in de VS en de toename van de exportvolumes heeft een positief effect gehad op de vrachttarieven voor zowel VLGC's en midsize.
Ondanks de Corona-crisis blijven de vooruitzichten voor 2020 stabiel.
In 2019 werd de TANGO FLNG in bedrijf gesteld en startte een tienjarig contract met YPF. In 2019 zijn vier LNG-ladingen vanuit Argentinië geëxporteerd. De prestaties liggen ruim boven de ontwerpcapaciteit. De overige Infrastructure-activa presteren volgens contract.
In naam van onze mooie onderneming willen wij ten slotte alle medewerkers bedanken die zich, aan wal of op zee, inzetten voor EXMAR. Wij waarderen hun bijdrage en harde werk ten zeerste.
Wij wensen u veel leesplezier.
Nicolas Saverys Francis Mottrie
7
Het aandeel van EXMAR is genoteerd op Euronext Brussel en maakt deel uit van de BEL Small Index (EXM). De referentieaandeelhouder is Saverex NV.
Aandelenverdeling per 31 december 2019:
20 nationaliteiten op zee Amerikaans, Argentijns, Australisch, Belgisch, Bengalees, Chinees, Frans, Grieks, Indisch, Iers, Jamaicaans, Kroatisch, Lets, Nederlands, Nigeriaans, Pools, Singaporees, Spaans, Oekraïens, Venezolaans
WERKNEMERS OP HET HOOFDKANTOOR VAN EXMAR
| Totaal per | Totaal per |
|---|---|
| 31/12/2019 | 31/12/2018 (*) |
| Omzet | 122,4 | 114,4 |
|---|---|---|
| EBITDA | 60,4 | 68,0 |
| REBITDA (**) | 60,4 | 36,2 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 14,5 | 37,9 |
| Geconsolideerd resultaat ná belastingen | -7,2 | 18,9 |
| Schepen (incl. schepen in aanbouw) | 520,5 | 492,9 |
| Financiële schulden | 437,0 | 393,7 |
(*) De Groep heeft IFRS 16 toegepast per 1 januari 2019, gebruik makend van de "modified retrospective method". Onder deze methode worden de cijfers van het voorgaande boekjaar niet herwerkt. Het effect van de initiële toepassing van IFRS 16 op het eigen vermogen werd bepaald als zijnde nihil. Het gebruiksrecht en de gerelateerde leasing schulden als gevolg van de implementatie van IFRS 16 zijn opgenomen onder de in bovenstaande tabel gerapporteerde schepen en schulden per 31/12/2019.
(**) REBITDA: recurrent bedrijfsresultaat voor intresten, belastingen, afschrijvingen en waardeverminderingen. Volgende elementen werden uitgesloten van EBIT-DA in 2018: verkoop COURCHEVILLE (Shipping: USD 0,9 miljoen), verkoop LNG Excelsior (Shipping: USD 30,9 miljoen).
EXMAR Shipping is een toonaangevende scheepseigenaar en operator in het transport van vloeibare gasproducten zoals vloeibare petroleumgassen (LPG, butaan, propaan en een mengsel van beide), watervrije ammoniak en petrochemische gassen. EXMAR werkt wereldwijd voor de sectoren van de meststoffen, de schone brandstoffen en de petrochemie. Als vooraanstaande middelgrote LPG-eigenaar/exploitant haalt EXMAR voordeel uit langetermijncontracten met haar eersteklas klanten.
Gestimuleerd door groeiende exportvolumes voor LPG uit de VS stegen de VLGC-tarieven in het tweede kwartaal naar ongeveer USD 1,3 miljoen per maand op de periodemarkt. De Verenigde Staten exporteerden een recordvolume van bijna 40 miljoen ton, zeven miljoen meer dan vorig jaar. Ze komen daarmee op gelijke hoogte met het Midden-Oosten in termen van de export van LPG. De nieuwe opkomst van de VS is het gevolg van de combinatie van lage grondstoffenprijzen, meer laadslots dankzij verbeteringen van de infrastructuur, en een algemene vooruitgang van de exportcapaciteit voor LPG.
De toenemende vraag naar vracht naar het Verre Oosten – met in China een recordimport van 19 miljoen ton – leidde tot bijkomende tonmijlen. Dit had een sterke weerslag op de beschikbaarheid van schepen vanaf het tweede kwartaal van 2019, met opbrengsten van gemiddeld ongeveer USD 1.800k /maand op de spotmarkt.
De in de loop van 2020 geplande instroom van nieuw geleverde VLGC-schepen en de gevolgen van COVID-19 zullen de vrachttarieven negatief beïnvloeden en de toekomstige onzekerheid vergroten, maar gezonde fundamenten, een wereldwijd stijgende toelevering van LPG en een aanhoudend regime van volumedistributie op de lange vaart zouden tot een herstel van de markt moeten leiden. Bovendien zal de hogere capaciteit van de Marcus Hook-terminal aan de oostkust
EBIT voor de Shipping Business Unit voor het jaar 2019 was USD 14,5 miljoen vergeleken met USD 37,9 miljoen voor het jaar 2018 (met inbegrip van een meerwaarde van USD 0,9 miljoen op de verkoop van de COURCHEVILLE en met inbegrip van een meerwaarde van USD 30,9 miljoen op de verkoop van de vennootschap EXCELSIOR).
van de VS ervoor zorgen dat de tankers niet alleen koers zetten naar de Aziatische havens, maar ook naar Europese afnemers.
EXMAR zet momenteel in het VLGC-segment slechts één schip in, de BW TOKYO met een capaciteit van 84.000 m³, die profiteerde van de stijging van de Baltic Gas Index en waarvoor eind 2019 een periodebevrachting met een langdurige partner werd verzekerd.
Dankzij gunstige LPG-markten kende het midsizesegment een stijging van de vrachttarieven in de tweede helft van 2019. Voor het eerst sinds 2016 werden tijdcharterequivalenten (TCE) van meer dan USD 800.000 per maand bereikt voor een modern schip met een capaciteit van 38.000 m³.
De belangrijkste vervoerde producten blijven LPG (65%) en ammoniak (35%). EXMAR behoudt haar sterke positie in beide segmenten, met 14 schepen voor LPG en zeven voor ammoniak. In drie decennia op de midsize-markt heeft EXMAR commerciële relaties op lange termijn met eersteklas klanten opgebouwd. Dat blijft vandaag het geval. De vloot van EXMAR heeft een jong profiel, met een gemiddelde leeftijd van negen jaar voor de eigen vloot van 17 MGC-schepen.
Met een totale wereldwijde midsize-vloot van 97 schepen en een beperkt orderboek voor zeven schepen eind 2019 ziet de toekomst er veelbelovend uit. Met de stijgende trend in de lange vaart en de schaalimpact betekent het aandeel van 17 schepen van EXMAR op de midsize-markt dat de onderneming goed geplaatst is om de markt in de volgende jaren te bedienen.
Naar verwachting zal de globale groei van de vraag naar LPG-volumes de midsize-markt blijven ondersteunen. Zo wordt verwacht dat Afrika en Latijns-Amerika bijkomend butaan uit de Verenigde Staten zullen ontvangen.
tijdbevrachtingstarief
MGC 1 jaar
(x 1.000 \$/maand)
Bron: Clarckson Research Services Limited 2020
De overstap van de ontwikkelingslanden naar goedkoper LPG om aan hun energiebehoeften te voldoen, zal een verdere groei in het MGC-segment positief beïnvloeden.
De trend van stabiele volumes verscheepte ammoniak van de vorige jaren zal in de volgende jaren waarschijnlijk wijzigen. Men verwacht een volumegroei van ongeveer 1,6% per jaar tussen 2019 en 2022, dankzij nieuwe ammoniakcapaciteit die beschikbaar wordt en markten die in China en Turkije worden geopend. Volgens Argus is de Chinese importmarkt voor ammoniak nu de zesde grootste ter wereld, met een groei van 203.000 naar 1 miljoen ton tussen 2014 en 2019.
EXMAR heeft geprofiteerd van de sterkere vrachtmarkten en kon betere algemene bevrachtingscontracten afsluiten dan in 2018. Met een divers klantenportfolio en een vlootdekking van 81% voor 2020 blijft EXMAR sterk gepositioneerd in dit segment.
De pressurized-markt is zowel ten oosten als ten westen van Suez stabiel gebleven. De vrachtmarkten kenden medio 2019 een bloei dankzij een beduidende herdistributie van LPG en occasionele seizoengebonden pieken van de marktvraag. Deze schepen werken als kleine LPG-leveranciers, aangezien ze ondiepe wateren en kleinere havens kunnen bereiken. Tegelijkertijd kunnen pressurized-schepen flexibel worden ingezet als werkpaarden om nieuwe energiemarkten te openen.
EXMAR heeft een vloot van 10 schepen: zeven met een capaciteit van 3.500 m³ en drie met een capaciteit van 5.000 m³. De handelszone van de vloot is gelijk verdeeld, met vijf schepen in de Europese kustvaart en vijf in het Verre Oosten.
De LNG-tanker EXCALIBUR staat onder een time charter contract tot begin 2022.
Bron: IHS Waterborne LPG
De missie van EXMAR Infrastructure is het aanbieden van innoverende drijvende infrastructuuroplossingen voor de olie- en gasindustrie in de volledige levenscyclus, van engineering en supervisie van de bouw tot eigendom, leasing, activiteiten en onderhoud.
Ondersteund door de tientallen jaren expertise in de scheepvaart en de gasbehandeling van de EXMAR Groep, en door een gedeponeerd halfafzinkbaar productieontwerp, specialiseren onze volwaardige
engineering- en projectontwikkelingsteams zich in het ontwerp en de ontwikkeling van drijvende productiesystemen (Floating Production Systems, FPS) met een zeer competitieve totale kostprijs.
Onze operationele en onderhoudsmensen verzorgen de dagelijkse werking en het onderhoud van de hen toevertrouwde drijvende infrastructuur volgens de hoogste kwaliteits- en duurzaamheidsnormen.
| Totaal per | Totaal per |
|---|---|
| 31/12/2019 | 31/12/2018 (*) |
| Omzet | 71,8 | 32,1 |
|---|---|---|
| EBITDA | 20,6 | 0,7 |
| REBITDA (**) | 19,1 | -2,7 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 2,0 | -13,4 |
| Geconsolideerd resultaat ná belastingen | -45,2 | -49,3 |
| Schepen (incl. schepen in aanbouw) | 466,1 | 469,7 |
| Financiële schulden | 248,1 | 300,6 |
(*) De Groep heeft IFRS 16 toegepast per 1 januari 2019, gebruik makend van de "modified retrospective method". Onder deze methode worden de cijfers van het voorgaande boekjaar niet herwerkt. Het effect van de initiële toepassing van IFRS 16 op het eigen vermogen werd bepaald als zijnde nihil. De leasingschulden als gevolg van de implementatie van IFRS 16 zijn opgenomen onder de in bovenstaande tabel gerapporteerde schulden per 31/12/2019.
(**) REBITDA: recurrent bedrijfsresultaat voor intresten, belastingen, afschrijvingen en waardeverminderingen. Volgende elementen werden uitgesloten van EBITDA in 2019: licentievergoeding (Infrastructuur: USD 1,5 miljoen). Volgende elementen werden uitgesloten van EBITDA in 2018: licentievergoeding (Infrastructuur: USD 3,4 miljoen).
2019 was een belangrijk jaar voor de businessunit EXMAR Infrastructure. Wij realiseerden het belangrijkste streefdoel van de EXMAR Groep, namelijk de start van de commerciële werking van de TANGO FLNG in Argentinië. De TANGO FLNG is de grootste en meest complexe investering van EXMAR tot op heden. Deze mijlpaal werd in een recordtijd en uiterst veilig bereikt dankzij de uitstekende samenwerking tussen onze technische en operationele teams enerzijds en de klant anderzijds. De eenheid is nu volledig operationeel, presteert boven de verwachtingen en zal in de volgende jaren beduidend bijdragen aan de opbrengsten en kasstroom van onze Groep.
Voor een succesvolle implementatie van onze strategie en de oplossingen die wij onze klanten aanbieden, moeten onze teams op diverse locaties in de wereld meer dan ooit hun krachten bundelen. Om de synergie in de engineering, de projectontwikkeling en de eigenlijke activiteiten te benutten, werden de infrastructuuractiviteiten van LNG en Offshore geconsolideerd in 'EXMAR Infrastructure'. Dankzij de nieuwe structuur en de samenwerking met de ondersteunende diensten van EXMAR heeft de businessunit Infrastructure een sterk globaal netwerk en een uniek aanbod van oplossingen en expertise voor de commercialisering van onze bestaande activa en nieuwe prospects.
TANGO FLNG is nu volledig operationeel, ontvangt aardgas uit het gasveld Vaca Muerta in het Argentijnse Bahia Blanca en zal volgens de prognoses 500.000 ton LNG per jaar produceren voor export. Na de ondertekening van de charterovereenkomst met YPF voor de uitrol in november 2018, begon 2019 met de mobilisatie en de inbedrijfstelling van de eenheid in Bahia Blanca. Binnen minder dan vier maanden na aankomst voldeed de prestatie-acceptatietest aan de voorziene contractuele verplichtingen. De oplevering van de eenheid aan YPF was het begin van de maandelijkse stand-by-opbrengsten, terwijl de operationele teams de effectieve start en werking na de Argentijnse winter voorbereidden.
Op 14 september 2019 ging de termijn van 10 jaar van het contract effectief van start. Tot op heden werd 475.000 m³ LNG geleverd en heeft YPF al vier transporten uitgevoerd.
Nu de TANGO FLNG maandelijkse opbrengsten levert, hebben de financiers van de eenheid de vrijgave goedgekeurd van ongeveer USD 40 miljoen van de cash collateral van de lening.
De TANGO FLNG is de derde commercieel operationele FLNG ter wereld. De eenheid heeft ook andere partijen belangstelling doen krijgen voor de oplossingen voor drijvende liquefactie EBIT voor de Infrastructure Business Unit voor het jaar 2019 was USD 2,0 miljoen vergeleken met USD -13,4 miljoen voor het jaar 2018. De toename in dit segment is voornamelijk toe te schrijven aan de inkomsten van Gunvor voor de FSRU die in het laatste kwartaal van 2018 opstartte. De inkomsten die sedert mei 2019 door TANGO FLNG gegenereerd werden zijn overeenkomstig IFRS 15 pas vanaf de operationele werkzaamheden in september in de verlies- en winstrekening opgenomen.
van EXMAR. Verscheidene nieuwe projecten die de unieke expertise van EXMAR in het domein van de drijvende liquefactie benutten, worden bestudeerd.
De FSRU S188, de op een platform gebaseerde hervergassingseenheid van EXMAR, presteert onder zijn lopende charter van 10 jaar. In september 2019 gaf Gunvor kennis van een geschil onder de charterovereenkomst en begon een arbitrage. In afwachting blijft het charter volledig van kracht. De vorig jaar aangekondigde geplande sale and lease back van het platform door CSSC Shipping werd niet voltooid.
De NUNCE is sinds juli 2019 doorlopend onder contract bij SONANGOL, voor de kust van Angola. Hij blijft in gebruik tot juni 2022 en draagt zoals verwacht bij aan het resultaat van EXMAR. De WARIBOKO werd in 2019 door TOTAL teruggeleverd voor de kust van Nigeria. Na een geslaagd tijdelijk gebruik heeft EXMAR in maart een nieuw contract afgesloten met TOTAL Exploration & Production Nigeria. Het contract treedt in augustus 2020 in werking en zal 18 maanden lopen.
Het engineeringkantoor van EXMAR in Houston, VS, kende in 2019 een drukke activiteit en heeft positief bijgedragen aan het resultaat van de Groep. EXMAR Offshore Company (EOC) heeft gewerkt aan een derde halfafzinkbaar drijvend productiesysteem met het eigen OPTI®-design van EXMAR voor het KING's QUAY-project van Murphy Oil. Murphy Oil Corporation, een van de vijf grootste producenten in de Golf van Mexico, heeft deze eenheid in aanbouw in juni 2019 verworven van de groep LLOG. De engineering van de romp en de supervisie van de bouw vlotten goed. De eenheid zal worden ingezet in de Golf van Mexico, waar ook de twee andere bestaande OPTI-designs volgens de verwachtingen presteren.
Naast het KING's QUAY-project werkte EOC aan de eerste engineering van potentiële nieuwe OPTIprojecten in de Golf van Mexico. EOC verwacht dat deze studies en de aanvullende werkzaamheden voor zijn OPTI-design in 2020 zullen worden voortgezet.
Voor DV Offshore (DVO), ons onafhankelijk bedrijf van adviserende ingenieurs met specialisaties in alle technische aspecten van de maritieme engineering en activiteiten, was 2019 een overgangsjaar met engineeringniveaus volgens de verwachtingen en een toenemende focus op hernieuwbare energiebronnen.
EXMAR Infrastructure wil de bevoorrechte zakenpartner zijn van exploratie- en productiebedrijven in de olie- en gasindustrie, voor de valorisatie van hun bestaande of ontdekte olie- en gasreserves.
De sector heeft in de voorbije decennia het bewijs gezien van de grote voordelen van de onafhankelijke
leasing en uitbating van olie- en gasinfrastructuur. Dit stelt de klant immers in staat om zich op de monetisering van de molecule te concentreren, terwijl hij de noodzakelijke eerste investeringen en het technische risico van de projectontwikkeling kan beperken.
De (nieuwe) inzet van de TANGO FLNG als derde operationele FLNG ter wereld bewijst dat EXMAR als pionier in de ontwikkeling van op schepen gebaseerde drijvende hervergassing in staat is om met succes innovatieve, snelle en kosteneffectieve projecten voor drijvende olie- en gasinfrastructuur te leveren.
Wij zijn ervan overtuigd dat wij voor nieuwe FLNGprojecten de ervaring van onze competente en gemotiveerde experts en de uit de TANGO FLNG geleerde lessen kunnen benutten om een goed presterende drijvende liquefactieoplossing te leveren, met competitieve levenscycluskosten en gesteund door een gepaste financiering.
Dat geldt ook voor de opportuniteiten voor drijvende infrastructuur, waar wij aan hervergassing en opslag van LNG, aan olieproductie en -opslag en aan andere aspecten van de waardeketen van olie en gas werken.
De opportuniteiten in de context van de wereldwijde energietransitie en de gerelateerde technologie zijn zeer reëel. Wij twijfelen er niet aan dat de uitdaging voor de projecten voor drijvende infrastructuur erin bestaat de huidige technologie af te stemmen op snel op de markt gebrachte 'one-stop-shop'-oplossingen die optimaal inspelen op het specifieke project en de specifieke locatie.
Met zijn interne ontwikkelings- en operationele middelen en expertise beschikt EXMAR over alle troeven om dergelijke projecten volledig op zich te nemen, met een snelle aanpak van wijzigingen in de coördinatie, upgrades of elke omschakeling op maat van het project. Met onze doorlopende betrokkenheid bij de eigendom, de werking en het onderhoud na de levering en de start van de activiteiten engageren wij ons voor prestaties volgens de verwachtingen.
Omdat drijvende infrastructuuroplossingen kapitaalintensief zijn, blijven wij ons netwerk van financiers en kapitaalpartners ontwikkelen om de prospects en projecten in ons portfolio te ondersteunen. Ook hier spelen de 40 jaar ervaring en de staat van dienst van EXMAR in de ontwikkelingen en uitvoering van projecten een cruciale rol.
Naast haar kernactiviteiten heeft EXMAR zakelijke belangen in diverse bedrijven in de domeinen scheepsmanagement, gespecialiseerde reizen en bevoorrading van de maritieme en offshore-sector.
Totaal per 31/12/2019 Totaal per 31/12/2018 (*)
RESULTATEN 2019 - PROPORTIONELE CONSOLIDATIE (IN MILJOEN USD)
| Omzet | 42,3 | 37,9 |
|---|---|---|
| EBITDA | 19,9 | -1,3 |
| REBITDA (**) | 0,9 | -1,3 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 18,0 | -2,5 |
| Geconsolideerd resultaat ná belastingen | 39,2 | 14,3 |
| Schepen (incl. schepen in aanbouw) | 0,0 | 0,0 |
| Financiële schulden | 24,7 | 9,7 |
(*) De Groep heeft IFRS 16 toegepast per 1 januari 2019, gebruik makend van de "modified retrospective method". Onder deze methode worden de cijfers van het voorgaande boekjaar niet herwerkt. Het effect van de initiële toepassing van IFRS 16 op het eigen vermogen werd bepaald als zijnde nihil. De leasingschulden als gevolg van de implementatie van IFRS 16 zijn opgenomen onder de in bovenstaande tabel gerapporteerde schulden per 31/12/2019.
(**) REBITDA: recurrent bedrijfsresultaat voor intresten, belastingen, afschrijvingen en waardeverminderingen.Volgende elementen werden uitgesloten van EBITDA in 2019: verkoop RESLEA en BIM (Services: USD 19 miljoen).
EXMAR Ship Management levert kwaliteitsvolle diensten voor scheepsbeheer en aanverwante diensten aan LPG-tankers, fruitsaptankers, bulktankers, FLNG's, FSRU's, FSU's, FSO's en accommodatieplatformen.
In het voorbije decennium is EXMAR Ship Management uitgegroeid van een interne leverancier van diensten voor scheepsbeheer tot een bekende leverancier van Operations & Maintenance (O&M)-diensten in nichesegmenten van de olie- en gasindustrie. In lijn met de EXMAR Groep werden de O&M-activiteiten van EXMAR Ship Management in 2019 in twee onderscheiden businessunits gegroepeerd: (i) Shipping en (ii) Infrastructure. De nieuwe organisatiestructuur verbetert de flexibiliteit en de klantenfocus van de vlootteams en stelt de operationele teams in staat om zich efficiënt naar de internationale sectornormen en beste praktijken te richten.
Sectorvereisten
De geleidelijke verstrenging van de eisen van de grote oliemaatschappijen, met strikte keuringsstelsels en het Tanker Manager Self-Assessment (TMSA), heeft in de voorbije drie decennia veel bijgedragen aan de algemene verbetering van de werking en de veiligheid van het scheepsbeheer. Het TMSA werd door het Oil Companies Marine International Forum (OCIMF) ontwikkeld om de scheepsbeheerders te helpen bij de evaluatie van hun systemen voor veiligheidsbeheer (SMS) die door de Internationale Veiligheidsmanagementcode (ISM) worden verplicht. De eigenaren kunnen het TMSA gebruiken om hun systemen voor veiligheidsbeheer te meten en eventuele ondermaatse of zwakke aspecten te verbeteren. EXMAR Ship Management werkt haar TMSA doorlopend bij en het wordt regelmatig door verschillende grote oliemaatschappijen gecontroleerd.
Aangezien onze bemanningen de hoeksteen van het succes van de EXMAR Groep zijn, blijven wij de goede relatie tussen de teams aan wal en de teams op zee verder versterken. Het actieplan dat werd ontwikkeld omvat diverse geüpdatete streefdoelen, van meer bezoeken van walpersoneel aan de schepen tot meer coaching aan boord. Sinds vele jaren organiseren wij globale bemanningsconferenties om de waarden van de onderneming te verspreiden, een dialoog met ons varend personeel te voeren, onze bemanningen op te leiden in de beste praktijken van de sector en hen te informeren over de nieuwste ontwikkelingen in de sector en in de EXMAR Groep. Deze op wereldschaal georganiseerde conferenties blijven een zeer sterk instrument voor de ontwikkeling van een constructieve, veilige en goed presterende werkomgeving.
viteiten tot het bedrijfsresultaat (EBIT) voor 2019 was USD 18,0 miljoen vergeleken met USD -2,5 miljoen voor het volledige jaar 2018. Op 29 juni 2019 ondertekende EXMAR een overeenkomst met Compagnie Maritime Belge ("CMB") voor de verkoop van zijn 50% eigendom in RESLEA, wat resulteerde in een winst van USD 19,2 miljoen.
De bijdrage van de dienstenacti-
EXMAR Ship Management heeft altijd een gevarieerd portfolio van scheeps- en infrastructuureigenaren in de olie- en gasindustrie gehad. 2019 was een uitdagend jaar voor de divisie Shipping, die vier nieuwe VLGC's en een MGC onder beheer nam. De divisie Infrastructure begon met de commerciële exploitatie van de TANGO FLNG in Argentinië. De eenheid werd in juni 2019 door de klant in bedrijf genomen, de commerciële activiteiten gingen half september van start en half november werd de eerste lading LNG vervoerd. Deze snelle oplossing is een unieke en enorme prestatie van alle betrokken partijen en in het bijzonder van het O&M-team aan wal en aan boord van de eenheid.
2020 wordt opnieuw een interessant jaar, met de voorbereiding van het beheer van twee VLGC's die EXMAR bij de scheepswerf Jiangnan in China heeft besteld, en het begin van AEX LNG Management.
EXMAR en de Anglo-Eastern Univan Group hebben de handen in elkaar geslagen en een joint venture gevormd, AEX LNG Management. De start-up zal toezicht houden op de nieuwbouw van LNG-schepen en het scheepsbeheer van LNG-tankers voor derde eigenaren. AEX LNG Management, dat in Singapore gevestigd is en de expertise op het vlak van LNG van EXMAR Ship Management combineert met de globale schaal en systemen van Anglo-Eastern, slaagde in december 2019 voor zijn eerste Document of Complianceaudit. In 2020 zal het focussen op het beheer van de eerste conventionele LNG-tanker, waarna de activiteiten uitgebreid zullen worden.
Excelerate Energy kondigde in 2019 de lancering van haar eigen divisie voor scheepsbeheer aan, Excelerate Technical Management. Het is van plan om voor het eind van 2020 haar volledige vloot naar deze divisie over te brengen.
BEXCO is een toonaangevende Europese fabrikant van synthetische meertouwen, sleeptouwen en hijstouwen op maat voor offshore, olie- en gas-, maritieme en industriële toepassingen.
In 2019 ontving BEXCO het grootste order in zijn geschiedenis voor diepwatermeertouwen, toen verkenningsprojecten waarvoor het aanbestedingen voor diepwatermeertouwen had gewonnen de definitieve investeringsbeslissing bereikten. BEXCO voltooide ook met succes zijn eerste project voor diepwatermeertouwen in China, voor de nationale offshore producent CNOOC.
BEXCO breidde zijn marktaandeel in synthetische stroppen voor zwaar offshore hijswerk beduidend uit, met merkelijke referentiewinsten voor offshore windinstallaties. Het leverde bovendien gespecialiseerde HMPE-touwen voor het aanmeren van FLNG's aan aanlegsteigers en het aanmeren van FSRU's op de zeebodem in ondiep water. Men verwacht dat de vraag op deze twee markten in 2020 zal toenemen.
BEXCO consolideerde ook haar marktaandeel in oplossingen voor eenpuntsankering.
Op de maritieme markt behield BEXCO zijn recurrente aanmeeractiviteit met twee van 's werelds grootste eigenaren in de lijnvaart, voor hun bestaande vloten, en won het aanbestedingen voor hun programma's voor nieuwe ultragrote containerschepen. BEXCO boekte ook vorderingen in de sector van de cruiseschepen, na de ontwikkeling van een gespecialiseerde aanmeeroplossing voor dit segment. BEXCO zal in 2020 zijn
activiteiten voor zowel de LNG-scheepvaart als de aanmeertoepassingen uitbreiden.
BEXCO breidde zijn aanwezigheid in de VS uit met belangrijke orders voor de binnenvaart, lokale offshore aanmeeroplossingen, sleep- en zware hijstoepassingen. In 2020 zal BEXCO bovendien rechtstreeks vertegenwoordigd worden in Australië.
In januari 2020 werd Chief Commercial Officer Rudi Labeau benoemd tot nieuwe Chief Executive Officer van BEXCO.
Het in Antwerpen gevestigde Travel PLUS is het grootste Belgische onafhankelijke reisbureau. Het onderscheidt zich met een hoog niveau van persoonlijke service voor zijn zaken- en vakantiereizigers, en combineert reisroutes op maat met een uitzonderlijke klantenservice.
De verhouding tussen het zakelijke en het vakantiesegment was net als vorig jaar 70/30.
Het resultaat voor 2019 is eveneens in lijn met vorig jaar, dankzij goede prestaties in de boekingen van zowel bestaande als nieuwe klanten.
Travel PLUS wil zijn klantenbasis behouden en verder doen groeien door in 2020 alle boekingen op één enkel platform te centraliseren en op rendabele organische groei te mikken. Het bedrijf is bovendien een exclusieve samenwerking aangegaan met het Travel Leaders Network, een gemeenschap van reisprofessionals die ongeveer 5.700 vestigingen van reisbureaus in de Verenigde Staten en Canada vertegenwoordigt. Zo krijgt het toegang tot zakenreizen, terwijl het zijn PLUS Service-waardepropositie (Professional Loyal Unbeatable Service) behoudt.
Wij verwachten dat COVID-19 een impact zal hebben op de resultaten van 2020.
EXMAR Yachting beheert een vloot van luxevaartuigen en helpt zowel ervaren als beginnende eigenaren met de bouw, de modernisering, het onderhoud en de chartering van hun luxejachten. Het team van uiterst ervaren kapiteins, technische opzichters, bemanningsmanagers en operationeel personeel verzekert een specifieke en persoonlijke dienstverlening voor elk jacht.
Als globale leverancier van oplossingen voor de energievoorzieningsketen is EXMAR actief in een wereld die onophoudelijk verandert. Wij ontwikkelen gespecialiseerde oplossingen voor klanten op zoek naar innovatieve middelen voor de opslag, het transport en de overslag van koolwaterstoffen in vloeibare of gasvorm. In al onze activiteiten hechten wij het grootste belang aan de veiligheid, de gezondheid en het welzijn van onze mensen op zee en aan wal, de kwaliteit van onze activa en de bescherming van het milieu. Wij willen de wereld tonen dat wij "zorg dragen voor vandaag uit respect voor morgen".
We doen zaken met respect voor de wereld waarin we actief zijn en we erkennen dat onze activiteiten gevolgen hebben voor onze collega's, klanten, leveranciers, partners en de maatschappij, als wereldwijde eersteklas leverancier van gespecialiseerde diensten voor de olie- en gasindustrie.
29
De werknemers van EXMAR zijn de sleutel van ons succes: hun vaardigheden, inzet en motivatie maken EXMAR competitief en klaar voor de toekomst.
EXMAR hecht veel belang aan een gezonde, competitieve werkomgeving, een goed gedefinieerde organisatiestructuur en een gevoel van samenhorigheid, motivatie en teamgeest van haar werknemers op elk niveau.
Alle medewerkers krijgen de kans om hun kennis en ervaring te verruimen met cursussen en opleiding en door deel te nemen aan interne en externe seminars en conferenties.
EXMAR is een sponsor van de VZW Zachte Kracht, een liefdadigheidsinstelling die in de Koninklijke Yacht Club Nieuwpoort gevestigd is en jongeren met bijzondere behoeften de kans geeft om een zeiltocht van een dag te maken.
Sinds verscheidene jaren organiseren medewerkers van EXMAR een jaarlijks fairtradeontbijt en delen ze Sinterklaasgeschenken uit waarmee OXFAM gesteund wordt.
Begin 2019 hield EXMAR een interne enquête. Tot 50 managers en werknemers van verschillende businessunits in het Antwerpse hoofdkwartier en in Houston werden geïnterviewd om open feedback te krijgen over de huidige status van de onderneming en de potentiële verbeteringsdomeinen. De bevindingen gaven zeer nuttige input en mondden uit in een verslag met actiepunten om EXMAR op de toekomst voor te bereiden. Er werd een Transition Office-team samengesteld om de implementatie van het plan te faciliteren. Vier focusdomeinen werden geïdentificeerd: het bedrijfsmodel, de organisatiestructuur, het beheer van de financiële prestaties en de bedrijfscultuur. Dit heeft tot een reeks wijzigingen en initiatieven geleid, zoals:
De scheepvaartsector is altijd onderhevig geweest aan toenemende internationale, regionale en lokale regelgevende druk voor duurzaamheid. In een recenter verleden lag de focus meer en meer op de verbetering van de efficiëntie en de beperking van de uitstoot van CO2 en broeikasgassen.
Als scheepsbeheerder leeft EXMAR Ship Management alle internationale regels en eisen na. Ons ESM-systeem heeft externe certificeringen verkregen zoals ISO 14001 (milieuzorg), ISO 50001 (energie-efficiëntie) en OHSAS 18001 (veiligheid en gezondheid). EXMAR Ship Management steunt duurzaamheidsinitiatieven en is lid van het Environmental Committee van Intertanko.
Het engagement voor een verlaging van de uitstoot en een optimalisatie van het brandstofverbruik wordt via jaarlijkse doelstellingen gemonitord. Alle inspanningen en streefdoelen voor energie- en brandstofefficiëntie worden bovendien doorlopend gemonitord aan de hand van technologie die door een toonaangevende classificatiemaatschappij ondersteund wordt. EXMAR Ship Management neemt vrijwillig deel aan het Environmental Ship Index-systeem (ESI), dat op basis van gegevens over de uitstoot van de schepen elk schip een ESI-score geeft.
In 2019 werden geen lekken in zee gemeld. Er waren in totaal zes olielekken aan boord, waarvan twee tijdens hijsoperaties aan dek. Elk geval werd formeel onderzocht en gaf aanleiding tot correctieve en preventieve maatregelen.
Een van onze belangrijkste aandachtspunten is de verbetering van de energie-efficiëntie van de vloot van EXMAR. De Energy Efficiency Operational Indicator (EEOI) is een monitoringtool voor het beheer in de tijd van de efficiëntie van de schepen en de vloot. De gemiddelde EEOI-waarde voor de LPG-vloot van EXMAR was 40,5 in 2019.
Dankzij de inspanningen van ons personeel op zee en aan wal daalde het brandstofverbruik van de midsize LPG-vloot van EXMAR met gemiddeld 14,75% jaar op jaar. Bijgevolg kon EXMAR de per gevaren zeemijl uitgestoten CO2 met 10,80% verminderen.
In 2019 daalde de frequentie van de ongevallen met werkverlet (LTI) voor het geheel van de door EXMAR Ship Management beheerde vloot naar 0,81, een vermindering met 37% tegenover het jaar voordien. Gelet op de beduidende uitbreiding van zowel de vloot in eigendom als de vloot in beheer zijn we erg trots op dit
In 2019 voltooide de Fully Pressurized-vloot van EXMAR de tweede bijzondere droogdokrevisie. Het onderhoudswerk aan de motoren, rompen en schroeven tijdens deze technische stops leidt tot een verbetering van de brandstofefficiëntie die in de volgende grafieken wordt weergegeven. resultaat. De LPG-vloot van EXMAR boekte in 2019 de beste veiligheidsprestatie ooit, met 0,31 ongevallen met werkverlet per 1 miljoen gewerkte uren.
EXMAR onderzoekt niet alleen maatregelen voor de preventie van ongevallen met werkverlet, maar bestudeert ook de grondoorzaken van ongevallen die tot aangepast
Het algemene doel van ons systeem voor veiligheidsbeheer is de beheersing van de risico's van een taak. Goed risicobeheer, gebaseerd op de input van onze bemanningen, is vaak tijdrovend en erg uitdagend, want de schepen hebben een druk schema, blijven kort in de haven, hebben een toenemende administratieve werklast, enzovoort. De HSEQ-afdeling van EXMAR zoekt daarom doorlopend naar oplossingen om het proces te optimaliseren en de veiligheidsprestaties van de onderneming te verbeteren.
In 2019 lanceerden we een digitale bibliotheek van generische risicobeoordelingen aan boord van de vloot. De bibliotheek omvat generische risicobeoordelingen van de taken die aan boord vaak worden verricht. Elke risicobeoordeling is het resultaat van een gezamenlijke inspanning van de schepen en de maritieme, de technische en de HSEQ-afdeling. De bemanning aan boord gebruikt de generische risicobeoordeling als een vertrekpunt en voegt er voor de situatie en de taak specifieke risico's aan toe.
Uit de analyse van de veiligheidsstatistieken bleken derde partijen die aan boord van onze vloot werken een hoog risico te vormen voor de veiligheid van zowel onze bemanningen als de werknemers van de derde partijen.
Hun veiligheid is onze zaak en vereist een gestructureerde aanpak. De volgende tools werden geïmplementeerd: KNOW HOW TO BEAT THE HEAT KNOW HOW TO BEAT THE HEAT During your first
werk, medische behandeling of eerste hulp leiden, en van ernstige bijna-ongevallen. Voorbeelden van initiatieven die in 2019 werden genomen: nieuw steigermaterieel, een herziene procedure voor veilig hijsen en werken op hoogte, nieuwe PBM's voor de preventie van oogletsels en een verticaal levenslijnsysteem voor een veilige beklimming van dekladders met een hoogte van meer dan twee meter.
Naast systemen en tools zijn ook het veiligheidsbesef en de communicatie van cruciaal belang. Daarom werd een initiatief met tweemaandelijkse veiligheidscampagnes met posters gelanceerd. Dit is een overzicht van de campagnes in 2019:
De O&O-groep van EXMAR kijkt verder dan koolwaterstoffen en werkt aan een minder van koolwaterstoffen afhankelijke economie. Waterstof is een potentiële hoeksteen van die minder koolstofintensieve economie. Verscheidene onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten van EXMAR anticiperen op de mogelijke overgang van een op koolwaterstoffen gebaseerde naar een op waterstof gebaseerde economie.
Samen met zes toonaangevende partners heeft EXMAR een samenwerkingsakkoord ondertekend voor onderzoek naar waterstof en de realisatie van een volledige toeleveringsketen van waterstof als energie- en brandstofbron.
De klimaatdoelstelling van een verlaging van de Belgische CO2 -uitstoot met 80% tegen 2050 tegenover de niveaus van 2005 is een grote uitdaging. Waterstof kan een belangrijke rol spelen in de mix van oplossingen die nodig zijn om dat resultaat te bereiken. De leden van de coalitie zijn DEME, ENGIE, EXMAR, Fluxys, de haven van Antwerpen, de haven van Zeebrugge en WaterstofNet.
Een gezamenlijke studie zal als basis dienen voor een gecoördineerde levering van concrete projecten voor de productie, het transport en de opslag van waterstof. Waterstof is een belangrijke vector van hernieuwbare energie voor de productie van elektriciteit en warmte, voor de mobiliteit, de productie van brandstof en als grondstof voor industriële productie. De opwekking van voldoende hernieuwbare energie voor de productie van waterstof is van cruciaal belang voor de leefbaarheid van een waterstofeconomie.
Omdat België over te weinig wind- en zonne-energie beschikt, zal men een deel van de hernieuwbare energie moeten invoeren. Efficiënte en economische oplossingen voor de productie, het transport, de import en de opslag van waterstof vereisen echter een specifieke expertise. De zeven grote industriële en publieke actoren zullen hun expertise bundelen om op een gecoördineerde manier een op waterstof gebaseerde economie in België tot stand te brengen.
De partners zullen samen een analyse maken van de volledige import- en transportketen van waterstof. Het is de bedoeling de financiële, technische en regelgevende aspecten van de verschillende componenten van de logistieke keten in kaart te brengen: productie, laden en lossen en transport over zee en via pijpleidingen. De analyse zal resulteren in een stappenplan voor de beste aanpak van het vervoer van waterstof voor zijn diverse toepassingen in de chemische en de energiesector. De uitkomst van de analyse, die over ongeveer een jaar wordt verwacht, zal een brug slaan naar concrete projecten.
EXMAR is lid van het HyMethShip Consortium, dat een subsidie van 9 miljoen euro van het programma EU Horizons 2020 heeft ontvangen.
Dit onderzoeksproject ontwikkelt een emissievrij commercieel schip dat e-methanol als brandstof zal gebruiken.
Het innovatieve systeem van het HyMethShip combineert een membraanreactor, systemen voor de opvang en de opslag van CO2 en een waterstofverbrandingsmotor in één enkel concept.
De voorgestelde oplossing zet methanol om in waterstof, die vervolgens wordt verbrand in een conventionele zuigermotor die geperfectioneerd is om met verscheidene soorten brandstof te werken, in het bijzonder met waterstof.
Het HyMethShip-systeem zal de uitstoot van het vervoer over water beduidend verlagen en het tegelijkertijd efficiënter maken. Het concept kan de CO2 -uitstoot met meer dan 90% verlagen en zal de uitstoot van zwaveloxide en fijnstof vrijwel elimineren.
Men verwacht een daling van de NOx-uitstoot met meer dan 80%, ver onder de limiet van IMO Tier III. Het systeem zal onshore ontwikkeld, gevalideerd en gedemonstreerd worden met een motor met een voor maritieme toepassingen courant vermogen van 1-2 MW. Het concept van het HyMethShip zal uiteindelijk kunnen bijdragen aan een negatieve emissie van broeikasgassen.
Het Nederlandse studiebureau voor scheepsarchitectuur en -ontwerp Diana Yacht Design presenteerde op de Monaco Yacht Show 2019 een gloednieuw en radicaal concept voor superjachten: de Blue Angel, een 36 meter lang superjacht. Met waterstof als krachtbron van het jacht bewijzen Diana Yacht Design en het Belgische EXMAR Yachting dat de sector van de superjachten reële ecologische geloofsbrieven kan voorleggen. De Blue Angel is een feest voor het oog: een zuiver, sportief jacht met een moderne vormgeving en vooral een realistisch design.
Het idee achter dit ecologische jacht ontstond bij EXMAR Yachting, dat de ontwikkeling van de technologie voor de bouw van een met waterstof aangedreven jacht aandachtig heeft gevolgd. Na enkele creatieve vergaderingen met de Nederlandse studio werden de schetsen van het eerste van drie jachtconcepten gemaakt: het 'ecologische' Blue Angel-concept.
Het concept is opgevat als een antwoord op de behoeften van een hardwerkend modern gezin dat zijn vrije tijd optimaal wil besteden, een luxueuze lifestyle wenst en de wereld wil verkennen maar ook veel aandacht heeft voor het milieu.
Wanneer de Blue Angel uitsluitend op waterstof vaart, is het een stil, schoon jacht met zero uitstoot. De brandstofcellen die de drijfkracht leveren, zijn geruisloos en produceren geen trillingen, rook of geur. Zo worden de voordelen voor het milieu perfect gecombineerd met een superieure beleving aan boord.
EXMAR heeft in 2019 twee geavanceerde VLGC's besteld bij de scheepwerf Jiangnan in China. Wanneer ze worden geleverd, zullen deze VLGC's "Super-ECO" designs zijn met een beduidend kleinere milieuvoetafdruk dan vergelijkbare schepen.
De beste beschikbare technologie zal worden gecombineerd om de efficiëntie van deze schepen te verhogen.
Het voor hun vaart vereiste vermogen zal maximaal worden beperkt dankzij een slimme combinatie van de volgende kenmerken:
werkprofiel van het schip
De beperking van de vermogensvereisten is slechts één deel van de inspanning. Daarna komt het erop aan te verzekeren dat het vermogen voor de aandrijving van het schip zo efficiënt mogelijk wordt opgewekt. EXMAR is daarin geslaagd door radicaal voor een totaal andere scheepsbrandstof te kiezen: LPG. LPG wordt al lang in de auto-industrie gebruikt, maar maakt nu pas zijn debuut in de scheepvaart. Dankzij dit nieuwe idee daalt de CO2 -uitstoot van het schip in één stap met 15%, een forse verlaging van de koolstofvoetafdruk van een VLGC.
Bovendien is het nieuwste motorontwerp gekozen om het verbruik nog verder te verlagen, en krijgen de schepen een schroefasgenerator. Met een schroefasgenerator kan men tijdens het varen de viertakt hulpmotoren gewoon uitschakelen en wordt alle elektriciteit aan boord met LPG als brandstof en met een efficiëntere tweetaktmotor opgewekt.
Al deze inspanningen komen tot uiting in de Energy Efficiency Design Index (EEDI), een KPI van de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) voor de prestaties van nieuwbouwschepen. De nieuwe VLGC's zullen moeiteloos een EEDI-niveau 3 behalen. Dat niveau zal pas vanaf 2025 verplicht zijn, zodat de VLGC's van EXMAR die in 2021 worden geleverd al aan de energienormen van de toekomst zullen voldoen.
Een belangrijk bijkomend voordeel van de keuze van EXMAR voor LPG als brandstof is dat de uitstoot in de lucht van schadelijke stoffen drastisch lager zal zijn (vergeleken met standaard zware stookolie):
Niet alleen de directe uitstoot in de lucht van de machines wordt aangepakt, maar er zijn ook veel inspanningen en investeringen gedaan om andere mogelijk schadelijke stoffen te beperken.
lenswater geïnstalleerd. De olie/waterafscheider zal in de overboordleiding worden uitgerust met een 5 ppm olie-in-waterdetector. Dat betekent dat het geloosde water veel schoner zal zijn in vergelijking met de industrienorm, die voor het geloosde lenswater een concentratie van 15 ppm olie-in-water toestaat.
De scheppen zullen het Maritiem Arbeidsverdrag volledig naleven. Er worden bijkomende investerin gen gedaan om de verblijfsruimten en hun uitrus ting te verbeteren, voor een groter welzijn van de bemanning.
De kombuisuitrusting is verbeterd en de kombuis is in samenwerking met een gespecialiseerde coach ont worpen.
De schepen krijgen een landschapskantoor dat de sociale interactie zal bevorderen. Om dezelfde reden heeft men voor een gemeenschappelijke mess room gekozen, in plaats van de gebruikelijke scheiding tus sen officieren en bemanning.
Voor de rokers wordt een aparte rookkamer met een gepaste afzuigventilator voorzien. Alle andere delen van de verblijfsruimten zullen rookvrij zijn.
JAARVERSLAG RAAD VAN BESTUUR 54
GECONSOLIDEERDE BALANS 61
GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN EN GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN 62
| #1. | Waarderingsregels | 66 | #20. Handels- en overige vorderingen | 97 |
|---|---|---|---|---|
| #2. | Segmentrapportering | 76 | #21. Belastingvorderingen en -verplichtingen | 98 |
| #3. | Reconciliatie segmentrapportering | 79 | #22. Geblokkeerde kasequivalenten en kas en | 99 |
| #4. | Bedrijfsopbrengsten | 81 | kasequivalenten | |
| #5. | Operationele kosten van schepen | 82 | #23. Kapitaal en reserves | 99 |
| #6. | Algemene en administratieve kostens | 83 | #24. Winst per aandeel | 100 |
| #7. | Personeelskosten | 83 | #25. Rentedragende leningen | 101 |
| #8. | Financiële opbrengsten/kosten | 83 | #26. Aandelenopties | 104 |
| #9. | Winstbelastingen | 84 | #27. Voorzieningen voor pensioen- en | 105 |
| #10. Verkoop van een joint venture | 85 | soortgelijke verplichtingen | ||
| #11. | Schepen | 87 | #28. Voorzieningen | 107 |
| #12. Andere materiële vaste activa | 88 | #29. Handels- en overige schulden | 107 | |
| #13. Immateriële activa | 89 | #30. Financiële risico's en financiële | 108 | |
| #14. Gebruiksrechten | 90 | instrumenten | ||
| #15. Investeringen in geassocieerde | 90 | #31. Leasingovereenkomsten | 112 | |
| ondernemingen en joint ventures | #32. Investeringsverplichtingen | 114 | ||
| #16. Financiële informatie geassocieerde | 91 | #33. Voorwaardelijke verplichtingen | 114 | |
| ondernemingen en joint ventures | #34. Verbonden partijen | 115 | ||
| #17. Leningen aan geassocieerde | 96 | #35. Groepsentiteiten | 118 | |
| ondernemingen en joint ventures | #36. Gehanteerde wisselkoersen | 119 | ||
| #18. Vaste activa aangehouden voor verkoop | 96 | #37. Vergoeding aan de commissaris | 119 | |
| #19. Overige investeringen | 97 | #38. Gebeurtenissen na balansdatum | 120 | |
VERKLARING MET BETREKKING TOT HET GETROUW BEELD 121
VERSLAG VAN DE COMMISSARIS 122
Corporate Governance streeft ernaar verschillende regels en gedragingen te bepalen volgens dewelke vennootschappen naar behoren bestuurd en gecontroleerd kunnen worden, met als doel om de transparantie te vergroten. Het is een systeem van nazicht en evenwicht tussen de aandeelhouders, de Raad van Bestuur, de Chief Executive Officer en het Directiecomité.
EXMAR NV wordt bestuurd volgens het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en de Belgische Corporate Governance Code van 2009. De belangrijkste functies zijn:
Deze Corporate Governance Verklaring valt onder de bepalingen van de Belgische Corporate Governance Code van 2009. De Code van 2009 werd door het koninklijk besluit van 6 juni 2010 erkend als enige van toepassing zijnde Code. Deze Code werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 23 april 2010 (www.staatsblad.be), evenals op de website www.corporategovernancecommittee.be.
Ingevolge de publicatie van de Belgische Corporate Governance Code van 2009 ("Code 2009") neemt EXMAR de Code 2009 aan als referentiecode.
Overeenkomstig artikel 3:6 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen, volgt EXMAR de principes van de Belgische Corporate Governance Code van 2009:
4) De Vennootschap heeft een rigoureuze en transparante procedure voor de benoeming en de beoordeling van haar Raad en zijn leden;
5) De Raad van Bestuur richt gespecialiseerde comités op;
Als Vennootschap met hoofdkantoor in België met toewijding voor de hoogste standaarden van Corporate Governance, heeft de Raad van Bestuur een Corporate Governance Charter aangenomen.
EXMAR's Corporate Governance Charter werd door de Raad van Bestuur goedgekeurd op 31 maart 2010 en geactualiseerd en goedgekeurd door de Raad op 2 september 2016. Dit Charter is ook van toepassing op alle verbonden ondernemingen van EXMAR.
Het Corporate Governance Charter bevat een samenvatting van de regels en principes waarrond het Corporate Governance beleid van EXMAR georganiseerd is en is gebaseerd op de bepalingen van de statuten van EXMAR, het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en de meest recente versie van de Belgische Corporate Governance Code.
De Belgische Corporate Governance Code is gebaseerd op het principe 'pas toe of leg uit'.
De Vennootschap streeft ernaar om de meeste bepalingen van de Belgische Corporate Governance Code na te leven, maar de Raad is van mening dat sommige afwijkingen van bepalingen gerechtvaardigd kunnen zijn in de specifieke context van de Vennootschap. Indien van toepassing, wordt in de Corporate Governance Verklaring uitleg verstrekt over de afwijkingen tijdens het afgelopen boekjaar op bepaalde bepalingen van de Code in overeenstemming met het principe 'pas toe of leg uit'.
Het Corporate Governance Charter beschrijft het profiel, de aandelen en de aandeelhouders van de Vennootschap, evenals de principes die toegepast worden met betrekking tot aandeelhoudersvergaderingen.
De functies en verantwoordelijkheden van de ver schillende organen binnen de Vennootschap worden beschreven:
Deze Corporate Governance Verklaring beschrijft de door EXMAR getroffen maatregelen voor de naleving van de wet- en regelgeving inzake handel met voorkennis, corruptie, witwaspraktijken, concurrentie, sancties, sociale- en personeelsaangelegenheden en dergelijke meer.
Het Corporate Governance Charter en de Corporate Governance Verklaring van EXMAR kunnen geconsulteerd worden op de website http://exmar.be/nl/investors/corporate-governance.
De nieuwe Belgische Corporate Governance Code 2020 ("Code 2020") is voorgesteld op 9 mei 2019 als de nieuwe referentiecode voor vennootschappen naar Belgisch recht waarvan de aandelen verhandeld worden op een gereglementeerde markt ('genoteerde vennoot schappen').
De Code 2020 hecht veel belang aan duurzame waar decreatie en langetermijn visie. De nieuwe code, welke de voorgaand gepubliceerde versies in 2004 en 2009 vervangt, is ook gestructureerd volgens een aantal prin cipes. Genoteerde vennootschappen worden geacht in regel te zijn met de principes tenzij er uitleg verstrekt wordt over de afwijking.
De Code 2020 is van toepassing vanaf boekjaar 2020. EXMAR zal haar huidige governance structuur herbe kijken; een aangepaste Corporate Governance Charter zal opgemaakt, besproken en toegepast worden door de Raad van Bestuur van EXMAR, het welke alle no dige elementen zal bevatten die wettelijk vereist zijn. De EXMAR code zal worden afgestemd met het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en de nieuwe statuten zullen later in 2020 besproken en voorgesteld worden aan de aandeelhouders.
De Vennootschap werd opgericht bij notariële akte op 20 juni 2003, gepubliceerd in de bijlage tot het Belgisch Staatsblad van 30 juni nadien onder num mer 03072972, en van 4 juli nadien onder nummer 03076338.
De statuten werden meermaals gewijzigd en voor het laatst blijkens akte verleden voor notaris Benoit De Cleene te Antwerpen, als vervanger van zijn collega notaris Patrick Van Ooteghem te Temse, op 15 mei 2018, gepubliceerd in de bijlage tot het Belgisch Staatsblad van 17 september nadien onder nummer 18139021.
De Gerlachekaai 20, 2000 Antwerpen, België.
BTW BE0860.409.202. RPR Antwerpen – Afdeling Antwerpen.
Het geplaatste kapitaal bedraagt USD 88.811.667, is volledig volgestort en wordt vertegenwoordigd door 59.500.000 aandelen zonder vermelding van nominale waarde. Voor de toepassing van de bepalingen van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen is de referentiewaarde van het kapitaal vastgesteld op EUR 72.777.924,85.
In de loop van 2019 vonden geen kapitaalswijzigingen plaats.
Overeenkomstig het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen kan de Raad van Bestuur van de aandeelhouders de bevoegdheid krijgen om, in een periode van vijf jaar, het kapitaal te verhogen tot een welbepaald bedrag en binnen bepaalde grenzen.
Bij beslissing van de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders gehouden op 16 mei 2017, werd aan de Raad van Bestuur de bevoegdheid verleend om, binnen de termijn van vijf jaar te rekenen van de datum van de bekendmaking van het besluit, in één of meerdere malen, op de wijze en tegen de voorwaarden die de Raad van Bestuur zal bepalen, het kapitaal te verhogen met een maximumbedrag van USD 12.000.000, de referentiewaarde voor toepassing van de bepalingen van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen is EUR 7.703.665,66. Het bijzonder verslag van de Raad van Bestuur werd opgesteld conform de bepalingen van artikel 7:199 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.
De jaarlijkse Algemene Vergadering vindt plaats op de derde dinsdag van de maand mei om 14.30 uur.
De regels voor bijeenroeping, deelname, het verloop van de vergadering, de uitoefening van het stemrecht, wijzigingen van de statuten, benoemingen van de leden van de Raad van Bestuur en zijn Comités zijn opgenomen in de gecoördineerde statuten en het Corporate Governance Charter van de Vennootschap, beide beschikbaar op de website van de Vennootschap onder "Investor Relations". (http://exmar.be/nl/investors/ reports-and-downloads/articles-association)
Op 15 mei 2018 heeft de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders de Raad van Bestuur van EXMAR gemachtigd om eigen aandelen in te kopen
binnen welbepaalde koersvorken en dit gedurende een periode van vijf jaar.
Het aantal eigen aandelen in portefeuille per 31 december 2019 bedroeg 3,82%, of 2.272.263 aandelen.
Aandelenverdeling per 31 december 2019:
Het EXMAR-aandeel is genoteerd op Euronext Brussel en maakt deel uit van de Bel Small index (Euronext: EXM).
In de loop van 2019 en tot aan de datum van dit verslag ontving EXMAR drie kennisgevingen in het kader van de transparantiewet van 2 mei 2007.
De laatste kennisgevingen die door de Vennootschap ontvangen werden en aan de FSMA gemeld werden, zijn de volgende:
Overeenkomstig artikel 74§6 van de wet op de openbare overnamebiedingen van 1 april 2007 heeft Saverex NV op 15 oktober 2007 (geactualiseerd op 30 augustus 2019) aan de FSMA gemeld dat zij meer dan 30% van de effecten met stemrecht bezit in EXMAR NV, een genoteerde vennootschap.
De wettelijke informatie werd bekendgemaakt op de website (www.exmar.be).
De Vennootschap heeft geen kennis van afspraken gemaakt tussen aandeelhouders.
Er zijn geen statutaire beperkingen voor de overdracht van aandelen.
Op 31 december 2019 bestond de Raad van Bestuur uit 10 leden die door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders benoemd werden en is samengesteld uit leden met uiteenlopende professionele achtergronden die een breed spectrum aan ervaring vertegenwoordigen. Hij bestaat uit een voldoende aantal bestuurders om een goede werking toe te laten, rekening houdend met de specificiteit van de Vennootschap.
Meneer De Geest is sinds 29 januari 2020 gecoöpteerd als onafhankelijk bestuurder ter vervanging van mevrouw Eisbrenner. Zij kwam te overlijden op 9 mei 2019. De benoeming van meneer De Geest zal ter goedkeuring voorgelegd worden op de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van EXMAR op dinsdag 19 mei 2020.
Functies en am.b.t.stermijnen van de leden van de Raad van Bestuur per 31 december 2019:
| Naam – Functie | Aantal bijgewoonde vergaderingen |
Begin mandaat | Laatste hernieuwing |
Einde mandaat |
|---|---|---|---|---|
| RAAD VAN BESTUUR | ||||
| BARON PHILIPPE BODSON • Voorzitter van de Raad van Bestuur • Niet-uitvoerend bestuurder • Lid van het Auditcomité • Voorzitter van het Benoemings- en Remuneratiecomité |
7/7 | 20 juni 2003 | 15 mei 2018 | 2021 |
| NICOLAS SAVERYS • Uitvoerend bestuurder • Chief Executive Officer (CEO) |
7/7 | 20 juni 2003 | 15 mei 2018 | 2021 |
| MICHEL DELBAERE • Onafhankelijk bestuurder • Lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité |
7/7 | 17 mei 2016 | 21 mei 2019 | 2022 |
| JALCOS NV VERTEGENWOORDIGD DOOR LUDWIG CRIEL • Niet-uitvoerend bestuurder • Voorzitter van het Auditcomité |
7/7 | 16 mei 2017 | 2020 |
| ARIANE SAVERYS • Niet-uitvoerend bestuurder |
7/7 | 15 mei 2012 | 15 mei 2018 | 2021 |
|---|---|---|---|---|
| PAULINE SAVERYS • Niet-uitvoerend bestuurder |
7/7 | 15 mei 2012 | 15 mei 2018 | 2021 |
| BARON PHILIPPE VLERICK • Niet-uitvoerend bestuurder • Lid van het Auditcomité |
7/7 | 20 juni 2003 | 16 mei 2017 | 2020 |
| BARBARA SAVERYS • Niet-uitvoerend bestuurder |
7/7 | 19 mei 2015 | 15 mei 2018 | 2021 |
| ISABELLE VLEURINCK • Onafhankelijk bestuurder • Lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité • Lid van het Auditcomité • Benoemd sinds 21 mei 2019 |
4/4 | 21 mei 2019 | 2022 | |
| KATHLEEN EISBRENNER (†) • Onafhankelijk bestuurder • Gecoöpteerd door Wouter De Geest sinds 29 januari 2020 |
2/2 | 15 mei 2018 | 2019 | |
| JENS ISMAR • Onafhankelijk bestuurder • Lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité • Sinds 10 oktober 2019 benoemd als lid van het Directiecomité (Executive Director Shipping) |
5/5 | 18 mei 2010 | 21 mei 2019 | 2019 |
De Raad van Bestuur is het ultieme besluitvormende orgaan van de Vennootschap. De bevoegdheden en de werking van de Raad van Bestuur worden in extenso beschreven in het Corporate Governance Charter. De Raad heeft alle bevoegdheden met uitzondering van deze die door het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen of de gecoördineerde statuten voorbehouden zijn aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders.
De Raad van Bestuur streeft het succes van de Vennootschap op lange termijn na, voorziet hiervoor in het nodige leiderschap en zorgt ervoor dat risico's geïdentificeerd en beheerd kunnen worden. De Raad is verantwoordelijk voor de algemene strategie en waarden van EXMAR, gebaseerd op de sociale, economische en ecologische verantwoordelijkheid, genderdiversiteit en diversiteit in het algemeen. Aan de bestuurders wordt tijdig een dossier bezorgd met alle informatie voor de beraadslaging over de agendapunten. De beslissingen in de Raad van Bestuur worden genomen in overeenstemming met artikel 22 van de statuten, dat onder meer bepaalt dat, ingeval van staking van stemmen, de stem van de voorzitter doorslaggevend is. Tot op heden heeft zich een dergelijke staking van stemmen niet voorgedaan.
In 2019 hield de Raad van Bestuur zeven vergaderingen; alle vergaderingen werden voorgezeten door de heer Bodson. Op elke vergadering waren alle leden aanwezig.
Naast de uitoefening van de bevoegdheden voorzien door de wet, de statuten en het Corporate Governance Charter, behandeld de Raad van Bestuur de opvolging en beslissingen rond de lange termijn strategie, belangrijke beleidslijnen en de structuur van de Vennootschap en afsluiting van de jaarekeningen van de Groep. Andere onderwerpen waren:
Het Auditcomité werd opgericht door de Raad van Bestuur.
Artikel 7:99 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en het EXMAR Corporate Governance Charter voorzien dat minstens één lid onafhankelijk moet zijn; de Raad van Bestuur is van mening dat de samenstelling van het Auditcomité voldoet aan het doel van de Wet.
De Raad van Bestuur heeft aan het Auditcomité, binnen zijn domein, de ruimste onderzoeksbevoegdheden toegekend.
Het Auditcomité verleent bijstand aan de Raad van Bestuur met betrekking tot zijn toezichtverantwoordelijkheden en controle in de meest ruime zin. Het is het contactpunt voor zowel de Interne als de Externe Auditor. Omwille van hun diploma, hun loopbaan in verschillende multinationale groepen en hun huidige professionele werkzaamheden beschikken alle leden van het Auditcomité over de vereiste expertise inzake accounting en auditing en zijn zij vertrouwd met financiële verslaggeving, boekhoudstandaarden en risico's.
Met het oog op de inwerkingtreding van de EU General Data Protection Regulation 2016/79 (GDPR) op 25 mei 2018, is het Data Protection Comité (DPC) opgericht. De taak van het DPC bestaat erin de wijzigingen aan het beleid en de procedures van de Vennootschap voor te stellen zoals vereist door de GDPR, het coördineren en opvolgen van de implementatie en de naleving opvolgen. Het DPC rapporteert aan het Risicocomité.
De specifieke verantwoordelijkheden van het Auditcomité zijn uiteengezet in een Audit Charter dat werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 31 maart 2011 en gewijzigd op 25 maart 2015.
In 2019 werden vijf vergaderingen gehouden, waarop telkens alle leden aanwezig waren.
De Commissaris en de Interne Auditor waren beiden aanwezig tijdens twee vergaderingen.
Het Auditcomité heeft zich gebogen over specifieke financiële aangelegenheden die gedurende het jaar aan de orde kwamen en advies gegeven aan de Raad van Bestuur; verdere agendapunten waren:
De compliance policies bevestigen EXMAR's inzet om te voldoen aan de van toepassing zijnde wetgeving en regels.
Een specifiek Risicocomité is opgericht met als opdracht de correcte werking van het Compliance Model en het respecteren van de toepasselijke wetgeving continu op te volgen.
Het Risicocomité van EXMAR voert deze taken uit voor alle entiteiten binnen de EXMAR Groep, welke rapporteert aan het Auditcomité.
Het Risicocomité dient minstens eenmaal per jaar een verslag over te maken aan het Auditcomité, in de gevraagde vorm en binnen de gestelde termijn, over de risicobeoordeling die uigevoerd werd door de Key Risk Officers die de opdracht kregen en geautoriseerd werden om de risico's te beoordelen zoals beschreven in het Compliance Model en over eventuele klachten of vragen die ontvingen werden door het Risicocomité. Minstens eenmaal per jaar dient het Risicocomité verslag uit te brengen aan het Auditcomité over de klachten die ontvangen werden in verband met niet-nalevingen en het gevolg dat hieraan gegeven werd (tenzij de klacht betrekking heeft op een lid van het Auditcomité, in welk geval de klacht gericht dient te worden aan de Voorzitter van de Raad van Bestuur). Het Auditcomité brengt minstens eenmaal per jaar verslag uit aan de Raad van Bestuur over de werking van het Risicocomité.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité is samengesteld conform artikel 7:100 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen:
Het Comité was op 31 december 2019 samengesteld uit drie leden en rapporteert aan de Raad van Bestuur.
Mevrouw Isabelle Vleurinck is benoemd als nieuw onafhankelijk bestuurder van de Vennootschap. Ze is ook lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité en van het Auditcomité.
Alle leden van het Benoemings- en Remuneratiecomité beschikken over de nodige deskundigheid op het gebied van remuneratiebeleid door de uitoefening van hun functies gedurende hun loopbaan.
Het Comité staat de Raad van Bestuur bij in de
uitoefening van zijn verantwoordelijkheid inzake de bepalingen van het remuneratiebeleid van de Vennootschap en de benoemingsprocedures.
De specifieke verantwoordelijkheden worden uiteengezet in een Benoemings- en Remuneratiecomité Charter, dat werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 29 november 2011. De Raad van Bestuur keurde eveneens de procedure voor de benoeming en herbenoeming van bestuurders en leden van het Directiecomité goed.
Tijdens het afgelopen jaar is het Benoemings- en Remuneratiecomité driemaal samengekomen; alle leden waren aanwezig op elke vergadering.
Met betrekking tot remuneratie werden volgende onderwerpen behandeld:
Met betrekking tot benoemingen werden de volgende onderwerpen behandeld:
• Samenstelling van de Raad van Bestuur
De Raad van Bestuur heeft zijn bestuursbevoegdheden gedelegeerd aan een Directiecomité in overeenstemming met artikel 524bis van het (oude) Belgische Wetboek van Vennootschappen.
Volgens de 2020 Corporate Governance Code, zal EXMAR een expliciete keuze maken wat haar Governance Structuur en wat de toekenning van het dagelijks bestuur aan het Directiecomité betreft.
Sinds 1 februari 2020 is de heer De Brabandere CFO van de Vennootschap. Er werd geen nieuwe COO benoemd. De taken van de COO worden nu waargenomen door de Deputy CEO.
| EXCO 2019 | EXCO 2020 |
|---|---|
| NICOLAS SAVERYS | NICOLAS SAVERYS |
| • Uitvoerend bestuurder | • Uitvoerend bestuurder |
| • Chief Executive Officer (CEO) | • Chief Executive Officer (CEO) |
| PATRICK DE BRABANDERE | FRANCIS MOTTRIE |
| • Chief Operating Officer (COO) | • Deputy CEO |
| MIGUEL DE POTTER | PATRICK DE BRABANDERE |
| • Chief Financial Officer (CFO) | • Chief Financial Officer (CFO) |
| PIERRE DINCQ | JENS ISMAR |
| • Managing Director Shipping | • Executive Director Shipping |
| JONATHAN RAES | JONATHAN RAES |
| • Managing Director LNG Infrastructure | • Executive Director Infrastructure |
| DAVID LIM • Managing Director EXMAR OFFSHORE |
|
| MARC NUYTEMANS • CEO EXMAR Shipmanagement |
Het Directiecomité is verantwoordelijk voor het dagelijks bestuur van EXMAR en de EXMAR Groep, onder toezicht van de Raad van Bestuur. De werkingsregels van het Directiecomité zijn opgenomen in een Charter, dat werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 29 november 2011.
Het Directiecomité komt op regelmatige basis samen. De CEO zit het Directiecomité voor.
De rol van het Directiecomité bestaat erin EXMAR te leiden in overeenstemming met de waarden, de strategieën, de beleidslijnen, de planningen en de budgetten die door de Raad van Bestuur zijn vastgesteld.
De Raad van Bestuur heeft kennis genomen van de Belgische wet van 28 juli 2011 met betrekking tot de genderdiversiteit op niveau van de Raad van Bestuur, de leden van het Directiecomité en personen belast met het dagelijks bestuur van de Vennootschap.
Overeenkomstig bepaling 2.1 van de Belgische Corporate Governance Code (bepaling 3.3 van de Code 2020) dient de Raad van Bestuur te worden samengesteld op basis van genderdiversiteit en diversiteit in het algemeen.
van de Raad te implementeren in 2018.
De Raad van Bestuur telt op dit moment vier vrouwelijke bestuurders op een totaal van 10 bestuurders, wat in overeenstemming is met de regelgeving aangaande gender diversiteit.
Het voornaamste doel van de evaluatie is de verbetering van de toegevoegde waarde van de Raad. Het moet de waarden van de Vennootschap versterken, de efficiëntie verhogen en ook mogelijks assisteren in het opsporen van en proactief omgaan met mogelijke problemen.
Volgend op de evaluatie, resulteert de feedback van de leden in het verfijnen van de werking van de Raad en
Voor een efficiënte werking, is het noodzakelijk voor de Raad van Bestuur om een transparante werking te hebben zodat het zijn prestaties kan meten en beoordelen met het oog op vernieuwing en verbetering.
De Belgische Corporate Governance Code en EXMAR's Corporate Governance Charter voorzien in deze vereiste door op regelmatige wijze de leden van de Raad een evaluatie in te laten vullen.
De Raad van Bestuur van EXMAR, onder leiding van haar Voorzitter, heeft in 2011 een evalutatieproces in voege gebracht (vernieuwd in 2014) en in de loop van 2017 is de beslissing genomen om een nieuwe evaluatie
Bij besluit van de gewone Algemene Vergadering van 16 mei 2017, op grond van het voorstel geformuleerd door de Raad van Bestuur en in lijn met de aanbeveling en voorkeur die is uitgesproken door het Auditcomité, is Deloitte Belgium, vertegenwoordigd door de heer Gert Vanhees, voor een termijn van drie jaar benoemd tot Commissaris van de Vennootschap.
De Commissaris verzorgt de externe audit, zowel op geconsolideerde als op enkelvoudige cijfers, van EXMAR. In zijn vergadering van 1 september 2017 stelde het Auditcomité aan de Raad van Bestuur voor, en ging de Raad hiermee akkoord, om niet langer de halfjaarlijkse resultaten te beoordelen, in de lijn van het beleid van andere genoteerde bedrijven. De Commissaris werd echter verzocht om de geactualiseerde versie van de verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële staten te lezen om zich ervan te verzekeren dat deze in overeenstemming waren met de aanpassingen die door het Comité voorgesteld werden.
Comités waar nodig.
EY werd aangesteld om de Vennootschap bij te staan bij de uitoefening van haar interne controlewerkzaamheden. De Interne Auditor werd herbenoemd voor een nieuwe periode van drie jaar, eindigend bij de zitting van het Auditcomité van maart 2022.
Mr. Mathieu Verly, Secretaris, benoemd sedert 1 juli 2015.
De Secretaris ziet erop toe dat de procedures van de Raad worden gevolgd en dat de Raad handelt in overeenstemming met zijn wettelijke en statutaire verplichtingen. Hij adviseert de Raad in alle bestuursaangelegenheden en staat de Voorzitter van de Raad bij in het vervullen van bovenvermelde taken en biedt hem logistieke ondersteuning voor de organisatie van de Raad (informatie, agenda enz.).
Mr. Patrick De Brabandere, benoemd tot Compliance Officer door de Raad van Bestuur op 25 maart 2015 met ingang vanaf 1 juli 2015 op aanbeveling van het Auditcomité.
EXMAR werd een institutioneel lid van Guberna omdat EXMAR gelooft in de voordelen van de principes van Corporate Governance en zijn corporate governance-structuur graag verder wil ontwikkelen. Guberna is een kenniscentrum voor de bevordering van Corporate Governance in al zijn vormen, dat een platform biedt voor de uitwisseling van ervaringen, kennis en goede praktijken.
Hij is belast met het invoeren van en het toezicht op de naleving van de Gedragscode en de taken beschreven in het Compliance Model als lid van het Risicocomité.
Guberna organiseert verscheidene activiteiten zoals werkgroepen, ronde tafels en seminaries. EXMAR stimuleert bestuurders en het management van de Vennootschap om hieraan deel te nemen.
De opleiding "Director effectivenss" richt zich op competenties en kennis welke te beheersen zijn door een bestuurder.
Elk lid van de Raad van Bestuur en van het Directiecomité wordt aangemoedigd om zijn persoonlijke en zakelijke belangen zo te regelen dat er geen rechtstreeks of onrechtstreeks belangenconflict is met de Vennootschap.
Eventuele transacties tussen EXMAR of een met haar verbonden vennootschap en een lid van de Raad van Bestuur zullen steeds tegen de gebruikelijke marktvoorwaarden plaatsvinden. Hetzelfde geldt voor verrichtingen tussen de Vennootschap of een met haar verbonden vennootschap en een persoon nauw verwant met een lid van de Raad van Bestuur.
In geval van belangenconflict worden de bepalingen van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen toegepast.
EXMAR verleent geen bijdragen en doet geen betalingen, en verleent op geen enkele manier ondersteuning, noch direct noch indirect, aan politieke partijen of commissies of aan
EXMAR heeft geen kennis van enig belangenconflict bij de leden van de Raad van Bestuur en het Directiecomité in de zin van artikel 7:96 of 7:115 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen, behoudens deze die eventueel zouden beschreven zijn in het jaarverslag van de Raad van Bestuur.
Momenteel verlenen Saverbel NV en Saverex NV, vennootschappen door Mr. Nicolas Saverys, CEO, gecontroleerd, administratieve diensten aan de EXMAR Groep. Deze diensten worden gefactureerd aan marktconforme voorwaarden.
individuele politici. Medewerkers mogen geen politieke bijdrage leveren namens EXMAR of via gebruikmaking van bedrijfsfondsen of -middelen.
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle |
|---|---|---|
| MARKTRISICO'S | ||
| Zowel de gas- en oliemarkt in zijn geheel, als de wereldwijde markt van het gastransport zijn cyclisch. |
Een algemene dip in de olie- en gasmarkt zou een impact kunnen hebben op de tarieven voor gastrans port, wat onze inkomsten en kasstromen zou kunnen beïnvloeden, evenals de waarde van onze vloot. |
Een gediversifieerde klantenportefeuille en een goede indekking met een combinatie van contracten op lange en korte termijn. De waarde van onze vloot wordt continu bewaakt en beoordeeld op basis van interne en externe informatie. |
| Een lagere vraag naar gastransporteurs, FSRU's en ander drijvend materieel zoals onze LNG-infrastruc tuur. |
Een lagere vraag zou een invloed hebben op de trans porttarieven en het aantal dagen dat onze vloot niet in gebruik is. Dit zou voelbaar zijn in onze inkomsten en kasstromen en in de waarde van onze vloot en onze financiële positie. |
Een aanzienlijk deel van onze vloot is ingedekt door contracten op lange termijn. Geografische diversificatie en een kwaliteitsvolle klantenportefeuille en netwerk door integratie in de markten dankzij jarenlange ervaring. We zijn een flexibele rederij die streeft naar structurele kwaliteit en duurzaamheid voor haar klanten. |
| POLITIEKE SITUATIE IN HET BUITENLAND | ||
| Verslechtering van de economische, wettelijke en politieke situatie in landen, waaronder politieke, burgerlijke en militaire conflicten. Dergelijke evoluties kunnen leiden tot aanvallen op schepen, verstoring van waterwegen, piraterij, terrorisme en andere activiteiten. |
Wijzigingen in de economische, wettelijke en politieke situatie kunnen de handelspatronen van LPG en LNG beïnvloeden, evenals onze vloot, onze resulta ten en onze financieringsmogelijkheden. Instabiliteit zou kunnen leiden tot een kleinere vraag naar onze diensten. We zouden ook blootgesteld kunnen wor den aan hogere, bijkomende of onverwachte kosten om te voldoen aan veranderde wet- en regelgeving en er zouden gevolgen kunnen zijn voor onze verze keringskosten of -contracten. |
Een continue bewaking en beoordeling van de economische, politieke en wettelijke situatie om elke mogelijke impact te voorzien, te beperken of te vermijden. Informatie inwinnen bij autoriteiten en/of brancheorganisaties en bij gespecialiseerde consultants. Onze verzekeringspolis wordt regelmatig geactualiseerd en omvat onder andere bescher ming en schadeloosstelling, casco en machines en inkomstenderving volgens de verzekerde waarden, die voldoende geacht worden om de voorziene verliezen te dekken. |
| CONCURRENTIE | ||
| Concurrenten die investeren in LPG-schepen, FSRU's of ander drijvend materieel via samenvoeging, aankoop van tweedehandsuitrusting of nieuwbouw. |
Er is heel veel concurrentie bij het verkrijgen van contracten. Een grotere concurrentie kan leiden tot een grotere prijsconcurrentie voor contracten en kan de prijs van schepen en ander drijvend materieel beïnvloeden. Dit kan een wezenlijke impact hebben op onze resultaten en kasstromen en op de waarde van onze vloot. |
Definiëren van een strategie met een langeter mijnvisie en voortdurend rekening houdend met de bestaande trends in de sector. De ervaring van ons managementteam en onze Raad van Bestuur. Inves teren in een groot aantal factoren, zoals de kwaliteit van onze activiteiten, technische bekwaamheden en reputatie, de kwaliteit en ervaring van onze beman ning en de relaties binnen de sector. |
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle |
|---|---|---|
| RISICO'S VERBONDEN AAN DE EXPLOITATIE VAN SCHEPEN EN ANDER DRIJVEND MATERIEEL | ||
| Milieu-ongevallen, werkonderbrekingen veroor zaakt door een mechanisch defect, menselijke fout, oorlog, terrorisme, politieke acties in ver schillende landen, stakingen of slechte weers omstandigheden. Schepen die niet voldoen aan bepaalde prestatienormen. |
Dit zou onze reputatie als betrouwbare rederij schade toebrengen en leiden tot hogere kosten en een hoger aantal dagen dat het schip niet in gebruik is. De kosten van dringende herstellingen zijn onvoorspelbaar en kunnen zeer hoog oplopen. Wanneer niet voldaan wordt aan de prestatienor men kan de bevrachter weigeren een deel van de |
Onze ervaring in de sector en ons beleid en procedures, bijv. voor onderhoud en opleiding, moeten bepaalde risico's die inherent zijn aan onze activiteiten beperken of vermijden. Al onze sche pen en uitrusting zijn gedekt door een gepaste verzekering. |
huursom te betalen.
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle |
|---|---|---|
| HOGERE BEDRIJFSKOSTEN | ||
| Bedrijfskosten en onderhoudskosten kunnen sterk variëren. |
De bedrijfskosten en droogdokkosten zijn afhankelijk van een groot aantal factoren buiten onze controle waaraan de hele scheepvaartsector onderhevig is. Schepen die zich in het droogdok bevinden, kunnen ook leiden tot een verlies aan inkomsten. |
Proactief intern scheepsmanagement en een constante interne en externe controle van onze uitrusting. Ons onderhoudsbeleid wordt dagelijks geactualiseerd en verbeterd om het hoogste kwaliteitsniveau te garanderen. Onder sommige commerciële overeenkomsten worden de opera tionele kosten betaald onder een doorvoerbasis door de charterer. |
| OUDERDOM VAN DE VLOOT | ||
| Naarmate een schip ouder wordt, worden de vereisten strenger, waardoor het schip moeilijker kan concurreren met moderne schepen en het gebruik ervan duurder wordt. |
We moeten grote kosten maken om de operatio nele capaciteit van onze vloot op peil te houden. Deze kosten kunnen sterk variëren en hoger zijn door bepaalde vereisten van klanten, normen en regelgeving betreffende concurrentie, of normen voor bedrijven. |
De gemiddelde leeftijd van onze vloot wordt ge controleerd en onze strategie omvat regelmatige investeringen in nieuwe schepen om onze vloot concurrerend te houden. Ons intern scheeps management-en commercieel team heeft vele jaren ervaring met het beoordelen van operatio nele en commerciële prestaties. Al onze schepen zijn gecertificeerd als "in klasse" door een classificatiemaatschappij, wat ook een vereiste is voor dekking door de verzekering. Onze schepen worden dagelijks geïnspecteerd, ofwel op zee ofwel in de haven. Op basis van deze inspecties wordt het permanent onder houdsplan van elk schip gecreëerd, geactuali seerd en geïmplementeerd. |
| ACTIVA IN AANBOUW | ||
| Specifieke risico's zijn van toepassing op onze activa in aanbouw, o.a. de solventie van onze aannemer en de levering van het actief in over eenstemming met alle specificaties en met alle vereiste toelatingen. |
Wanneer de scheepswerf onze activa in aan bouw niet bouwt of levert, of in geval van het faillissement van de scheepswerf, heeft dit een aanzienlijke impact op onze financiële positie en onze resultaten. Indien de scheepswerf het contract niet uitvoert en wij niet in staat zijn de terugbetalingsgarantie af te dwingen, kunnen wij het geheel of een ge deelte van onze investering verliezen. Bovendien zouden wij onze verplichtingen tegenover de bevrachter niet kunnen nakomen. |
Er worden voorschotten betaald aan de scheeps werven en deze voorschotten worden gedekt door een terugbetalingsgarantie. De voortgang van de bouw en het voldoen aan alle technische en wettelijke specificaties worden nauwlettend opgevolgd door onze technische teams op de scheepswerven. |
| GEBRUIK | ||
| Schepen of ander drijvend materieel worden niet ingezet gedurende langere periodes of contrac ten worden niet hernieuwd of worden voortijdig beëindigd. |
Indien we er niet in slagen rendabele contracten op lange termijn aan te gaan voor onze bestaande vloot of onze activa in aanbouw, dan kan dit een aanzienlijke impact hebben op onze resultaten en kasstromen. We zouden afhankelijk zijn van een kortetermijn- of spotmarkt of van contracten ge baseerd op veranderende marktprijzen. Bovendien zou het moeilijker kunnen zijn om financiering te vinden voor dergelijke activa tegen redelijke voorwaarden. |
Ons management- en commercieel team hebben vele jaren ervaring en hebben een uitgebreid netwerk in de markt. Onze contractenportefeuille is sterk gediversifieerd. De commerciële strategie bestaat erin om flexibel te blijven in de markt door een goed evenwicht te bewaren tussen contracten op lange en op korte termijn. |
| REGELGEVING | ||
| Een nieuwe regelgeving zou van kracht kunnen worden. Er kunnen ook wijzigingen in de milieu wetgeving doorgevoerd worden door overheden of andere autoriteiten. |
Wijzigingen in het regelgevend kader kunnen eveneens een invloed hebben op onze moge lijkheden om contracten te bekomen voor het gebruik van onze schepen of drijvend materieel en de kosten die we moeten maken om te voldoen aan alle vereisten en wetgeving zouden kunnen stijgen. |
Continu opvolgen en voorzien van veranderin gen in de wetgeving en de van toepassing zijnde vereisten. Onze interne scheepsmanager en ons managementteam hebben vele jaren ervaring en een uitgebreid netwerk binnen de sector om bestaande trends en veranderingen op te volgen. |
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle |
|---|---|---|
| INFORMATIETECHNOLOGIESYSTEMEN | ||
| Informatietechnologiesystemen veranderen snel en zijn van fundamenteel belang voor de dagelijkse bedrijfsvoering. |
Het falen van informatietechnologiesystemen of -processen kan een verkeerdelijke impact hebben op operaties of kan tot data-inbreuken leiden. Cyberaanvallen, ransomware of andere security inbreuken kunnen informatietechnologiesystemen onbeschikbaar maken, onze scheepsactiviteiten verstoren en resulteren in huurverlies. |
Een toegewijd IT-team houdt voortdurend toezicht op de veranderingen en blootstellingen in de informatietechnologie. Verschillende maatregelen zoals firewalls, antivirussoftware en gescheiden netwerken enz. zijn aanwezig. Een informatietechnologie-risicobeoordeling is op regelmatige basis uitgevoerd. Beleid en procedures zijn in plaats en omvatten een rampherstelplan, een incidentbestrijdingsplan en een bedrijfcontinuïteitsplan. |
| UITBRAAK VAN EEN PANDEMISCHE ZIEKTE |
| Onze zeelieden en de voorraden zijn cruciaal Een uitbraak van een pandemisch virus in een Specifieke en strikte beleidslijnen en procedures vooronze operaties, een uitbraak van een pande regio of op wereldschaal zou onze activiteiten zijn beschikbaar voor een geïsoleerde uitbraak aan misch virus of besmettelijke ziekte kan operaties beïnvloeden. Lokale of internationale maatre boord van een schip en onze mensen zijn specifiek bemoeilijken. gelen zoals, maar niet beperkt tot, reisverboden, getraind op hoe je met zo'n gebeurtenis omgaat. beperkte of geen toegang tot de haven of quaran Gebeurtenissen en risico's zijn voortdurend tainemaatregelen na een dergelijke uitbraak, zou gemonitord door onze operationele teams die ook de bevoorrading van onze drijvende activa kunnen deelnemen aan lokale en internationale vereni bemoeilijken en bemoeilijken het inschepen of gingen en brancheorganisaties om in overeen zelfs het opschorten van de mogelijkheid voor stemming te zijn met veranderingen in de eisen, zeevarenden om aan boord te gaan. Dergelijke doorlopende richtlijnen en maatregelen.Onze gebeurtenissen zouden kunnen resulteren in het activiteiten zijn zeer gediversifieerd en onze sche buiten gebruik stellen van het actief en een verlies pen worden ingezet op een wereldwijde schaal, van inkomsten voor het actief of een deel van onze zeevarenden komen van over heel de wereld onze vloot. en zijn niet afhankelijk van hun nationaliteit of een specifieke regio. De planning van onze zeevaren den is flexibel en de contracten kunnen indien nodig verlengd worden voor het geval vervanging niet meteen mogelijk of beschikbaar is. Een continuïteitsplan is beschikbaar om te reageren op dergelijk gebeuren en de maatregelen voorzien in de mogelijkheid om al onze medewerkers aan wal op afstand te laten werken of zelfs geïsoleerd. In het geval dat de operaties moeten worden gestopt, bevatten sommige van onze commerciële overeenkomstenclausules die betrekking hebben op overmacht en in geval van een off-hire dat een bepaald aantal overschrijdt, dekken onze verzeke ringspolissen tijdelijk het verlies aan inkomsten. |
|---|
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle |
|---|---|---|
| TEGENPARTIJRISICO'S | ||
| Afhankelijkheid van een beperkt aantal klanten: we ontvangen een belangrijk deel van onze inkom sten van een beperkt aantal klanten. |
Een verslechtering van de financiële situatie van één van onze grootste klanten zou leiden tot een aanzienlijk verlies van inkomsten en kasstromen. |
Verplichtingen van klanten in het kader van de langetermijncontracten of garanties of andere zekerheden. De meeste van onze belangrijke klan ten zijn reeds meerdere jaren klant van EXMAR, ons managementteam beschikt over de nodige ervaring en knowhow om de activiteiten en de financiële situatie van onze klanten te beoordelen. |
| Bevrachters kunnen betalingsachterstand oplopen of failliet gaan. |
In geval van verlies van een klant zou dit een impact hebben op onze inkomsten en onze kasstromen. De kosten om een nieuw contract aan te gaan voor het schip kunnen hoog zijn en de marktvoorwaarden kunnen ongunstig zijn. |
Ons klantenbestand is sterk gediversifieerd en be staat uit grote bedrijven die actief zijn op de olie en gasmarkt. Voor nieuwe klanten vindt er een uitvoerig kredietonderzoek plaats en bijkomende zekerheden of garanties worden geëist wanneer dit nodig geacht wordt. De huursom dient vooraf betaald te worden. |
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle |
|---|---|---|
| FINANCIERING | ||
| EXMAR is onderhevig aan beperkingen op kredie tovereenkomsten, zoals financiële convenanten en beperkingen voor EXMAR en haar dochterbedrijven om verdere schulden aan te gaan, dividend uit te keren, bepaalde investeringen te doen, onderdelen van haar business verkopen zonder de toestemming van haar kredietverstrekkers. |
De bestaande financieringsafspraken voor onze vloot worden gedekt door onze schepen en garanties van het moederbedrijf, en bevatten beperkingen en andere con venanten die onze activiteiten en financiering zouden kunnen beperken. Elk verzuim kan leiden tot de vervroeging van de verval dag en de kredietverstrekkers kunnen een beroep doen op de garanties. |
Onze kasstromen en onze financiële positie, met inbegrip van de vereisten van de financieringsovereenkomsten, worden continu opgevolgd. Onze financieringsstrategie streeft naar de diversifiëring van financieringsmiddelen en de spreiding van de vervaldagen. Er wordt een dialoog onderhouden met verschillende investeerders en financiële partners om een relatie op lange termijn op te bouwen. Per 31 december 2019 wordt aan alle van toepassing zijnde financiële voorwaarden voldaan die verbonden zijn aan de financieringsovereenkomsten. |
| Financiering die gezocht moet worden voor activa in aanbouw en bestaande financieringsovereenkomsten dienen op de vervaldag geherfinancierd te worden. |
De onmogelijkheid om onze activa in aanbouw en onze bestaande vloot te financieren of te herfinancieren zou een aanzienlijke impact hebben op onze financiële positie. De financieringsmogelijkheden en de financie ringskosten kunnen variëren en afhankelijk zijn van de algemene economische omstandigheden. |
Financieringen zijn inherent aan onze activiteiten en investeringen. Ons management team heeft talrijke contacten met financiële partners en heeft een aan zienlijke expertise in het bekomen van financieringen voor diverse activiteiten en investeringen. |
| RENTEVOETEN EN WISSELKOERSEN | ||
| Een belangrijk deel van onze financieringsovereenkom sten heeft een variabele rentevoet. Onze transacties vinden plaats in USD, maar bepaalde kosten zijn in EUR en een deel van onze financiële schuld is in NOK. |
Een stijging van de rentevoeten op de internationale financiële markten zou een negatieve invloed hebben op onze kasstromen en mogelijk ook op de reële waarde van financiële instrumenten die gebruikt worden om zich in te dekken tegen de blootstelling aan rentevoeten. Een verzwakking van de USD in vergelijking met de EUR zou onze resultaten negatief beïnvloeden. Sommige van onze financiële instrumenten vereisen een waarborg in geld voor de reële waarde van het financiële instrument. Bijkomende contante waarborgen zouden vereist kunnen zijn. |
De blootstelling aan rentevoeten en aan wisselkoer sen wordt actief beheerd en er zullen verschillende instrumenten gebruikt worden om een gepast deel van de blootstelling te dekken. De schommelingen in de reële waarde van afdekkingsinstrumenten zijn een nietgerealiseerde post. |
| WAARDEVERMINDERING | ||
| Negatieve variaties in de reële marktwaarde van onze vloot en ander drijvend materieel. |
Een sterke daling in de reële waarde van onze vloot zou kunnen leiden tot een te boeken bijzonder waarde verminderingsverlies, wat een belangrijke impact zou hebben op onze financiële positie en resultaat. De verhouding van de reële waarde van onze vloot tot de uitstaande schuld is een financieel convenant in onze financieringsovereenkomsten. Onze activiteiten zijn vaak cyclisch, waardoor er op korte termijn schomme lingen ontstaan in de reële waarde van onze vloot als geheel. Een sterke daling zou tot een niet-naleving van de voorwaarden van dergelijke overeenkomsten kunnen leiden. |
De waarde van onze vloot wordt continu opgevolgd door middel van interne en externe informatie en minstens op elke rapporteringsdag wordt onze vloot getest op waardevermindering. De testen worden gedaan door de boekwaarde van onze vloot te vergelijken met beoorde lingen van onafhankelijke scheepsmakelaars en met de netto contante waarde van de verwachte operationele kasstromen. Deze operationele kasstromen zijn geba seerd op interne informatie en er wordt een sensitiviteit sanalyse uitgevoerd op elke veronderstelling. Op basis van de uitgevoerde testen wordt per 31 december 2019 wordt voldaan aan alle financiële voorwaarden verbonden aan onze financieringsovereenkomsten. |
| LIQUIDITEITSRISICO | ||
| Financiële verplichtingen en de behoefte aan werk kapitaal kunnen verschillen afhankelijk van een aantal factoren. |
Onze kasgenererende activiteiten kunnen cyclish en afhankelijk van marktsituaties zijn, terwijl onze uitgaande geldstroom betrekking kan hebben op operationele, investerings- of financiële activiteiten. Elke tekortkoming in het nakomen van onze financiële verplichtingen kan materiële gevolgen hebben voor onze activiteiten en kunnen gevallen van verzuim uitlokken onder bepaalde overeenkomsten. |
De liquiditeit wordt op regelmatige basis beheerd om te garanderen dat er voldoende middelen beschikbaar zijn om te kunnen voldoen aan de financiële verplichtingen wanneer ze verschuldigd zijn onder normale en moeilijke omstandigheden. Maandelijks wordt er een prognose van de kasstroom voor minstens de 12 komende maanden opgemaakt en gemonitord per segment. Deze prognose is gebaseerd op onze gekende contractuele rechten & verplichtingen en maakt gebruik van ramingen of veronderstellingen waar nodig. Onze bronnen aan bedrijfsinkomsten, zowel als onze financieringsbronnen zijn gediversifieerd. Betalingen met betrekking tot inves teringsactiviteiten en onze looptijd van banken en andere leningen zijn tevens versrpreid over meerdere jaren. |
Het remuneratieverslag beschrijft het remuneratiebeleid van EXMAR zoals bepaald in de wetgeving van 6 april 2010 met betrekking tot Corporate Governance.
Het beloningsbeleid en de individuele regeling voor de leden van de Raad van Bestuur en leden van het Directiecomité zijn in lijn met voornoemde wetgeving.
EXMAR streeft naar een remuneratie waarmee
zij de leden van de Raad van Bestuur en de leden van het Directiecomité kan aantrekken, behouden en motiveren en waarbij de bedrijfsbelangen op de middellange en lange termijn gewaarborgd en bevorderd worden.
Dankzij dit beleid tracht EXMAR te voorkomen dat de leden van de Raad van Bestuur en de leden van het Directiecomité zouden handelen in eigen belang of risico's zouden nemen die niet kaderen in de strategie en het risicoprofiel van de Vennootschap.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité is verantwoordelijk voor het opstellen van een procedure voor het uitwerken van een remuneratiebeleid.
In zijn vergadering van 6 december 2019 heeft het Remuneratiecomité de remuneratie getoetst aan de marktpraktijken en werden er geen wijzigingen aanbevolen.
De aard en het bedrag van de remuneratie die toekomt aan de uitvoerende bestuurders en de leden van het Directiecomité wordt door de Raad van Bestuur beslist op voorstel van het Benoemings- en Remuneratiecomité. De plannen die voorzien in de toekenning van aandelenopties worden door de Raad van Bestuur vastgesteld, op voorstel van het Benoemings- en Remuneratiecomité.
De niet-uitvoerende bestuurders ontvangen een jaarlijkse vaste vergoeding, niet prestatiegebonden, die verbonden is aan de bestuurdersfunctie en de functies in de verschillende comités, overeenkomstig het remuneratiebeleid van de Vennootschap. Niet-uitvoerende bestuurders ontvangen geen variabele vergoeding en zijn geen begunstigden van aanvullende pensioenplannen of aandelengerelateerde incentives. Het Benoemingsen Remuneratiecomité toetst periodiek de remuneratie van de niet-uitvoerende bestuurders op marktconformiteit.
De niet-uitvoerende bestuurders ontvangen een vaste jaarlijkse vergoeding van EUR 50.000. De Voorzitter ontvangt omwille van zijn rol en verantwoordelijkheid een hogere vaste jaarlijkse vergoeding van EUR 100.000. Er werden aan de niet-uitvoerende en onafhankelijke bestuurders geen variabele vergoedingen, aandelenopties, aanvullende pensioenplannen, leningen of voorschotten toegekend.
De leden van het Auditcomité ontvangen een vaste jaarlijkse vergoeding van EUR 10.000. De Voorzitter ontvangt een vergoeding van EUR 20.000.
De leden van het Benoemings- en Remuneratiecomité ontvangen een vaste jaarlijkse vergoeding van EUR 10.000.
Het mandaat van de uitvoerende bestuurders die tevens lid zijn van het Directiecomité wordt vergoed overeenkomstig het remuneratiebeleid voor het Directiecomité op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité.
| Vaste remuneratie | Auditcomité remuneratie |
Remuneratie comité remuneratie |
Totaal | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| OVERZICHT VAN DE VERGOEDINGEN VAN DE LEDEN VAN DE RAAD VAN BESTUUR VOOR 2019 | ||||||||||
| Baron Philippe Bodson | Voorzitter | 100.000 | 10.000 | 10.000 | 120.000 | |||||
| Nicolas Saverys | CEO | 0 | ||||||||
| Jalcos NV* | Niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 20.000 | 70.000 | ||||||
| Michel Delbaere | Niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 10.000 | 60.000 | ||||||
| Isabelle Vleurinck** (vanaf 21 mei 2019) | Niet-uitvoerend bestuurder | 30.738 | 6.148 | 6.148 | 43.033 | |||||
| Kathleen Eisbrenner (tot 21 mei 2019) | Niet-uitvoerend bestuurder | 19.262 | 19.262 | |||||||
| Jens Ismar (tot zijn benoeming als lid van het Directiecomité) |
Niet-uitvoerend bestuurder | 35.600 | 3.852 | 3.852 | 43.305 | |||||
| Baron Philippe Vlerick | Niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 10.000 | 60.000 | ||||||
| Pauline Saverys | Niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 50.000 | |||||||
| Barbara Saverys | Niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 50.000 | |||||||
| Ariane Saverys | Niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 50.000 | |||||||
| TOTAAL | 485.600 | 50.000 | 30.000 | 565.600 |
* Vertegenwoordigd door Ludwig Criel
** Benoemd op Algemene Vergadering 19 mei 2019
De remuneratie van de leden van het Directiecomité, inclusief de CEO, bestaat uit:
De hoogte van de vaste vergoeding voor leden van het Directiecomité, waaronder de uitvoerende bestuurders, is afhankelijk van de functie van de persoon in kwestie, zijn verantwoordelijkheden en zijn vaardigheden.
De vergoeding wordt bepaald op basis van de vergoedingen van een referentiegroep, bestaande uit een aantal vergelijkbare ondernemingen uit de maritieme sector. Het Benoemings- en Remuneratiecomité kan, indien nodig, een beroep doen op een onafhankelijke externe consultant.
Eenmaal per jaar worden de verschillende vergoedingscomponenten van de leden van het Directiecomité (inclusief de CEO) door het Benoemings- en Remuneratiecomité geëvalueerd en getoetst op hun marktconformiteit.
De kortetermijnvergoeding (jaarbonus) beloont
de leden van het Directiecomité voor het behalen van prestatiecriteria en de hoogte ervan wordt uitgedrukt in een percentage van de jaarlijkse vaste vergoeding. De evaluatieperiode is het boekjaar.
De variabele vergoeding is afhankelijk van het resultaat van de Vennootschap en van andere factoren zoals het functioneren van de betrokkene, de toekomstperspectieven, de marktsituatie, exceptionele bijdrage(n) en/of speciale projecten.
De variabele vergoeding is afhankelijk van de evolutie van de resultaten en van de specifieke beoordeling en het functioneren van elk individu. De Raad van Bestuur kan hiervan afwijken en beslissen om op basis van andere objectieve criteria een bonus toe te kennen aan een lid van het Directiecomité.
De buitengewone aandeelhoudersvergadering van 17 mei 2011 heeft beslist gebruik te maken van de toelating voorzien in artikel 7:91 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en aldus uitdrukkelijk af te zien van de regeling betreffende de spreiding in de tijd van de betaling van de variabele vergoeding van de leden van het Directiecomité.
De beslissing omtrent een eventuele toepassing van vermelde regeling werd door hogervermelde Aandeelhoudersvergadering gedelegeerd aan de Raad van Bestuur.
Indien het resultaat op substantiële wijze afwijkt van de basis waarop de variabele remuneratie van de leden van het Directiecomité is berekend, kan de Raad van Bestuur beslissen om het variabele gedeelte van de remuneratie te herzien en desgevallend terug te vorderen.
Door middel van de langetermijnvergoeding stuurt EXMAR aan op duurzame economische waardecreatie. Hierdoor worden de belangen van de leden van het Directiecomité beter afgestemd op die van de aandeelhouders en kunnen zij aan de Vennootschap verbonden blijven.
De langetermijnvergoeding bestaat uit een aandelenoptieplan op bestaande EXMAR-aandelen. De opties kunnen pas uitgeoefend worden na een periode van drie jaar en zijn verworven vanaf aanvaarding.
Wanneer een lid van het Directiecomité ontslag neemt, of bij ontslag om dringende redenen door EXMAR, vervalt het recht op het uitoefenen van de opties.
Het aantal aangeboden aandelenopties wordt elk jaar door de Raad van Bestuur goedgekeurd op aanbeveling van het Benoemingsen Remuneratiecomité. De toekenning van aandelenopties is niet gebonden aan vooraf vastgelegde en objectief meetbare prestatiecriteria.
De leden van het Directiecomité met een zelfstandigen- of werknemersstatuut hebben een groepsverzekering (type individuele pensioentoezegging voor zelfstandigen) en zijn aangesloten bij een verzekering gewaarborgd inkomen, ongevallenverzekering, hospitalisatieverzekering en reisbijstandsverzekering.
De leden van het Directiecomité beschikken over een bedrijfsvoertuig, gsm en ontvangen maaltijdcheques.
| 2019 | 2018 | 2019 | 2018 | ||
|---|---|---|---|---|---|
| CEO: Nicolas Saverys | EXCO: 6,16 | EXCO: 6 |
| Basisvergoeding | €823.385 | €823.385 | € 2.227.895 | € 2.033.153 |
|---|---|---|---|---|
| Variabele vergoeding | € 0 | € 1.100.000 | € 0 | € 625.000 |
| Aandelenopties (belastbare basis) | € 0 | € 0 | € 0 | € 0 |
| Verzekeringspakket* | € 174.956 | € 174.161 | € 265.042 | € 332.948 |
| Overige voordelen** | p.m. | p.m. | p.m. | p.m. |
| TOTAAL | € 998.341 | € 2.097.546 | € 2.492.937 | € 2.991.101 |
* Individuele pensioentoezegging, verzekering gewaarborgd inkomen, ongevallenverzekering, hospitalisatieverzekering, reisbijstandsverzekering ** Huisvesting, wagen, gsm en maaltijdcheques
In 2019 werd er 122 KEUR gefactureerd aan de heer Nicolas Saverys als gevolg van door te rekenen privé uitgaven. Het openstaand saldo hieraan gerelateerd per 31 december 2019 bedraagt 5,5 KEUR. Per 31 december 2018 werd er een provisie gevormd met betrekking tot deze door te rekenen privé uitgaven voor een bedrag van KEUR 397.
De verhouding tussen het vaste en het variabele gedeelte van de vergoeding van de leden van het Directiecomité in 2019 was als volgt:
Basisvergoeding 100% Variabele vergoeding 0%
Basisvergoeding 100% Variabele vergoeding 0%
De leden van het Directiecomité behoren tot de begunstigden van het aandelenoptieplan, goedgekeurd door de Raad van Bestuur.
Op basis van de aanbevelingen van het Benoemings- en Remuneratiecomité besliste de Raad van Bestuur over 2019 geen aandelenopties toe te kennen.
| Uitstaand per 31/12/2018 |
Verlopen in 2019 | Uitgeoefend in 2019 | Toegekend in 2019 | Uitstaand per 31/12/2019 |
|---|---|---|---|---|
| 198.624 | ||||
| 134.464 | ||||
| 90.000 | ||||
| 100.847 | ||||
| 97.232 | ||||
| 90.000 | - | - | - | 90.000 |
| 2.500 | - | - | - | 2.500 |
| 779.659 | 65.992 | - | - | 713.667 |
| 227.553 156.160 90.000 108.982 104.464 |
28.929 21.696 - 8.135 7.232 |
- - - - - |
- - - - - |
Er worden geen aandelen van EXMAR toegekend aan de leden van het Directiecomité.
De volgende leden van het Directiecomité (inclusief de CEO) hebben het statuut van zelfstandige: Nicolas Saverys (CEO)
Patrick De Brabandere (CFO)
Pierre Dincq (per 6 december 2019 einde mandaat lid Directiecomité)
Marc Nuytemans (per 6 december 2019 einde mandaat lid Directiecomité)
en hebben geen recht op enige vorm van ontslagvergoeding in geval van beëindiging van hun benoeming.
FLX Consultancy BVBA, vertegenwoordigd door Mr. Jonathan Raes, zou recht hebben op een vertrekvergoeding die overeenstemt met negen maanden loon in het geval van beëindiging van haar benoeming.
Chirmont NV, vertegenwoordigd door Mr. Miguel de Potter, zou recht hebben op een vertrekvergoeding die overeenstemt met drie maanden loon in het geval van beëindiging van haar benoeming.
Lisann AS, vertegenwoordigd door Mr. Jens Ismar, zou recht hebben op een vertrekvergoeding die overeenstemt met drie maanden loon in het geval van beëindiging van haar benoeming (per 10 oktober 2019 benoemd als lid van het Directiecomité).
Mr. David Lim is tewerkgesteld onder een arbeidsovereenkomst naar Amerikaans recht en heeft geen contractuele opzegtermijn (per 6 december 2019 einde mandaat lid Directiecomité).
Er vonden in 2019 geen belangrijke wijzigingen plaats in het remuneratiebeleid.
Het remuneratiebeleid zal in overeenstemming gebracht worden met de nieuwe bepalingen van de Belgische Corporate Governance Code (Code 2020).
Geachte aandeelhouders,
De Raad van Bestuur legt u de statutaire en geconsolideerde jaarrekeningen van EXMAR NV (de "Vennootschap") voor het jaar eindigend per 31 december 2019 ter goedkeuring voor, overeenkomstig de artikelen 3:6 en 3:6§2 van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.
De Vennootschap is verplicht haar jaarrekening te publiceren volgens de bepalingen van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007 betreffende de verplichtingen van emittenten van financiële instrumenten die zijn toegelaten tot verhandeling op de Belgische gereglementeerde markt.
De elementen die volgens de hogervermelde reglementen en het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen van toepassing zijn op de Vennootschap, worden behandeld in deze jaarrekening en in de Corporate Governance Verklaring. Dit jaarverslag dient samen met EXMAR's verslag over 2019 gelezen te worden.
COVID-19 zorgt voor heel wat onzekerheid in de wereld en zal een zekere impact hebben op de globale economie. EXMAR heeft verscheidende operationele maatregelen genomen om de veiligheid en het welzijn van zijn personeel aan boord en aan wal en de continuïteit van zijn activiteiten te garanderen. De meerderheid van EXMAR's schepen is momenteel tewerkgesteld onder middellange- tot langetermijncontracten.
EXMAR is onderhevig aan bepaalde risico's met betrekking tot de marktdynamiek en contractuele tegenpartijen.
Het geplaatst kapitaal van de Vennootschap bedraagt USD 88.811.667 en wordt vertegenwoordigd door 59.500.000 aandelen zonder vermelding van nominale waarde. Alle aandelen zijn volgestort. Het kapitaal is niet gewijzigd tijdens het voorbije boekjaar.
In afwijking van de bepalingen die zijn vastgelegd in artikel 3:42 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen worden het kapitaal en de boekhouding uitgedrukt in US-dollar. Deze afwijking werd toegestaan door het Ministerie van Economische Zaken en werd schriftelijk bevestigd op 2 juli 2003. De Raad van Bestuur is van mening dat de redenen waarom de afwijking werd gevraagd nog steeds van toepassing zijn op de jaarrekening over deze periode.
In het afgelopen boekjaar hebben zich geen kapitaalwijzigingen voorgedaan die moeten worden gerapporteerd volgens artikel 7:203 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.
Het statutaire resultaat voor het boekjaar bedraagt USD 44,9 miljoen (USD 10,2 miljoen in 2018).
De bedrijfskosten daalden in vergelijking met 2018 met USD 0,5 miljoen.
De financiële opbrengsten stegen met USD 33,6 miljoen in vergelijking in vergelijking met 2018, voornamelijk toe te schrijven aan de meerwaarde gerealiseerd op de verkoop van EXMAR's 50% aandeel in RESLEA, eigenaar van de kantoorgebouwen in Antwerpen, aan Compagnie Maritime Belge ("CMB") eind juni 2019.
De financiële kosten verminderden met USD 1,8 miljoen tegenover 2018, wat voornamelijk te wijten is doordat er geen aandelenopties werden uitgeoefend in 2019. Bijgevolg werden er geen kosten opgenomen hiervoor in de verlies-en winst rekening.
Op het einde van 2019 bedroegen de totale activa USD 823,3 (736,8 miljoen per einde 2018), inbegrepen USD 702,8 miljoen financiële vaste activa (USD 619,2 miljoen in 2018).
Het eigen vermogen bedroeg USD 704,1 op het eind van 2019 (USD 659,2 miljoen per einde 2018). De stijging van USD 44,9 miljoen is het gevolg van de winst van boekjaar 2019 voor hetzelfde bedrag.
De schulden en voorzieningen op het einde van 2019 bedroegen USD 118,9 miljoen (USD 77,3 miljoen eind 2018), waarvan USD 118,9 miljoen korte termijnschulden (USD 77,3 korte termijnschulden op het einde van 2018). De toename van de schuld is voornamelijk te verklaren door verhoogde kortlopende bankfinancieringen.
De enkelvoudige jaarrekening over 2019 vertoont een winst van USD 44,9 miljoen. Samen met de uit de vorige boekjaren overgedragen resultaten en de overboeking uit de onbeschikbare reserves, is een bedrag van USD 321,3 miljoen beschikbaar voor overdracht naar het volgende boekjaar.
De Raad zal aan de Algemene Aandeelhoudersvergadering voorstellen om het resultaat van het boekjaar als volgt te bestemmen:
Overgedragen winst: USD 274.177.783,01 Winst van het boekjaar: USD 44.885.407,34 Overboeking uit de onbeschikbare reserve: USD 2.234.508,42 Overdracht naar volgend boekjaar: USD 321.297.698,77
Na deze bestemming zal het eigen vermogen van USD 704.115.046,69 als volgt samengesteld zijn:
Kapitaal: USD 88.811.667,00 Uitgiftepremie: USD 209.901.923,77 Reserves: USD 84.103.757,15 Ingehouden winst: USD 321.297.698,77
De EXMAR Groep heeft in 2019 een geconsolideerd resultaat gerealiseerd van USD -13,2 miljoen (16,1 miljoen in 2018).
De omzet steeg in vergelijking met 2018 (USD 49,0 miljoen).
Deze stijging is voornamelijk terug te vinden in de segmenten Infrastructuur en Diensten. In het Infrastructuur segment is de toename voornamelijk toe te schrijven aan de inkomsten van Gunvor voor de FSRU die in het laatste kwartaal van 2018 opstartte. De inkomsten die sedert mei 2019 door TANGO FLNG gegenereerd werden zijn overeenkomstig IFRS 15 pas vanaf de operationele werkzaamheden in september in de verlies- en winstrekening opgenomen. De toename in het diensten segment is onder andere toe te schrijven aan het contract dat werd afgesloten voor het beheer van de NKOSSA II Floating Storage and Offloading (FSO) LPG-eenheid in Congo.
De meerwaarde op de verkoop van activa van USD 19,2 miljoen is hoofdzakelijk toe te schrijven aan de verkoop van de 50% eigendom in de joint venture RESLEA eind juni 2019 aan Compagnie Maritime Belge ("CMB").
De overige bedrijfsinkomsten daalden in vergelijking met 2018 met USD 6,4 miljoen. Deze daling kan voornamelijk verklaard worden door de afwikkelingsvergoeding geregistreerd in 2018 tussen EXMAR en PT JAWA SATU POWER als gevolg van het onvermogen van de partijen om een overeenkomst te sluiten met betrekking tot de voorwaarden van EXMAR's deelname als FSRU-partner en -shipmanager. Een andere verklaring voor deze daling is een licentievergoeding die is toegekend aan EXMAR en het recht verleent om het design van EXMAR voor de constructie, levering, eigendom en werking van een EXMAR OPTI®-11.000 drijvend half-afzinkbaar platform dat olie en gas produceert te gebruiken. Het grootste deel van deze licentievergoeding werd geregistreerd in de geconsolideerde resultatenrekening in het tweede semester van 2018 in; het overige deel in 2019.
De bedrijfskosten namen toe in vergelijking met 2018
met USD 23,9 miljoen, voornamelijk door de verhoog de operationele kosten van schepen voor de FSRU en de TFLNG als gevolg van de hogere geregistreerde opbrengsten voor beide units en door toegenomen afschrijvingen als gevolg van toepassing van IFRS 16. Additioneel werd als gevolg van de uitoefening van een aankoopverplichting voor een vliegtuig, een waardever mindering van USD 4,7 miljoen geboekt in de verliesen winstrekening om alzo de huidige marktwaarde van het vliegtuig te weerspiegelen.
Het nettofinancieringsresultaat voor 2019 bedroeg USD -26 miljoen (2018: USD -21 miljoen). De bewe ging kan voornamelijk verklaard worden door de toepas sing van IFRS 16 en de volledige impact van de betaalde intresten op de TANGO FLNG-faciliteit, waarvan in 2018 een gedeelte door Wison werd betaald.
Het aandeel in het resultaat van geassocieerde onder nemingen en joint ventures bedroeg USD 1,8 miljoen (USD-1,6 miljoen in 2018).
De schepen bedroegen USD 576,6 miljoen en om vatten de vloot met druktanks, de TANGO FLNG, de FSRU en de aanbetalingen met betrekking tot de twee VLGC's op LPG die in aanbouw zijn.
De investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures bedroegen USD 95,6 miljoen (2018: USD 104,5 miljoen) en bestaan uit ons aandeel in de verschillende joint ventures en geassocieerde onderne mingen. De daling is onder andere toe te schrijven aan de verkoop van RESLEA eind juni 2019.
De risico's en onzekerheden met inbegrip van het ef fect en de beheersing van pandemische risico's worden beschreven in de Corporate Governance Verklaring.
Omwille van het feit dat er uit de geconsolideerde jaarrekening een verlies blijkt voor twee opeenvol gende jaren, is er een noodzaak om de principes van going concern te verantwoorden ingevolge de be palingen van artikel 3:6 van het Wetboek van Ven nootschappen en Verenigingen.
De Raad van Bestuur verwijst naar de sectie "be langrijke schattingen en oordelen voor de financiële verslaggeving" in het financieel verslag van EXMAR waar het gebruik van het going concern-principe gemotiveerd wordt.
Rekening houdende met de veronderstellingen en onzekerheden, zoals beschreven in de sectie "be langrijke schattingen en oordelen voor de financiële verslaggeving" in het financieel verslag van EXMAR, is de Raad van Bestuur overtuigd dat het manage ment in staat zal zijn om voldoende liquiditeiten aan te houden om aan haar verplichtingen te kunnen vol doen welke een geschikte basis vormt voor de ver onderstelling van continuïteit. In het geval wanneer bovenstaande veronderstellingen niet tijdig gehaald worden, is er een materiële onzekerheid omtrent de Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures bedroegen USD 49,5 miljoen (2018: USD 49,3 miljoen) en omvatten de aandeelhoudersleningen aan onze geassocieerde ondernemingen en jointventures.
De kaspositie op 31 december 2019 bedroeg USD 119,9 miljoen (USD 107,1 miljoen in 2018). De geblok keerde kasequivalenten hebben betrekking op krediet faciliteiten (DSRA) en bedroegen USD 67,3 miljoen per 31 december 2019. Op 26 februari 2020 heeft de Bank of China USD 40,0 miljoen vrijgegeven van de geblokkeerde rekening. De overige bedragen zullen pro rata de terugbetaling van de uitstaande schulden wor den vrijgegeven.
Het eigen vermogen bedroeg USD 448,9 miljoen per 31 december 2019 (2018: USD 462,8 miljoen). Deze daling is voornamelijk toe te schrijven aan het verlies van het boekjaar 2019.
De financiële schuld bedroeg per 31 december 2019 USD 405,4 miljoen, een stijging met USD 18,6 miljoen tegenover 2018. De financiële schuld steeg voorname lijk als gevolg van enerzijds de gedeeltelijke herfinan ciering van de LPG-vloot met druktanks en anderzijds door nieuwe schulden zoals de overbruggingskredieten en kredietlijnen om tijdelijk de liquiditeiten te verhogen en de lening bij MAP voor de voorfinanciering van de 2 VLGC'S.
beschikbaarheid van voldoende liquiditeiten om aan verplichtingen van de onderneming te voldoen en dit voor een periode van tenminste 12 maanden te re kenen vanaf de datum van de goedkeuring van deze financiële staten.
De Vennootschap heeft per 31 december 2019 voldaan aan al haar financiële convenanten. De vol gende testdatum met betrekking tot de financiële convenanten is in september 2020 en betreft de financiële toestand per eind juni 2020. EXMAR is van mening dat rekening gehouden met de vooruit zichten voor de rest van het jaar, en meer specifiek dankzij de inkomsten gegenereerd door de TANGO FLNG en de FSRU, aan alle convenanten zal vol daan zijn per eind juni 2020 en per einde december 2020.
EXMAR houdt nauw toezicht of er aan alle conve nanten wordt voldaan. Indien er zich een inbreuk op de convenanten zou voordoen zal de Vennootschap aan de verschillende kredietverstrekkers een waiver vragen en vertrouwt erop deze waiver te bekomen.
| Beschrijving van de activiteiten |
Strategische doelstellingen | Doelstellingen | Strategie | |
|---|---|---|---|---|
| Sociaal & Personeel | Veiligheidsnorm verbeteren | • Lost Time Injury Frequency (LTIF) < 0,8 Total Recordable Cases Frequency (TRCF) < 4 • Geen ernstige ongevallen |
• 10 gouden veiligheidsregels definiëren • Behavioural Based Safety Programma • Safety campagnes promoten • Safety management systemen implementeren |
|
| Vaardigheden van personeel aan wal en aan boord optimaliseren |
• Retention Rate officer >90% & ratings >85% • Retention rate personnel office >80% • 100% compliant met verplichte opleidingsmatrix Seafarer • Geen afkeuringen als gevolg van Oil Major Crew Experience matrix |
• Hoog retentiepercentage handhaven • KPI in de functiebeschrijving opnemen om de verwachtingen en doorgroeimogelijkheden in te stellen • Coördinatie vanuit het kantoor verbeteren • KPI ontwikkelen per vloot voor Seagoing Experience |
||
| DOC & ISO standaarden handhaven • Geen non-conformiteiten met SMS | • Interne kantoor audits uitvoeren | |||
| Milieu | Minimale impact op het milieu van onze activiteiten en optimalisatie van energy efficiency |
• Geen olielekkage overboord • Geen accidentele gasontsnappingen • Energy efficieny verhogen • Uitstoot in de atmosfeer verminderen • Het bijhouden van de hoeveelheid afval die aan boord wordt geproduceerd |
• Elke vijf jaar alle hydraulische slangen aan dek vervangen • Strikte rapportage opleggen • Evaluatie van SEEMP en afbakening definiëren voor nm/brandstof • Nauwe opvolging van de belangrijke energie efficiënte KPI's per soort schip • Bemanning sensibiliseren voor afvalreductie met een focus op plastic |
|
| Mensenrechten en Corruptie |
Zakendoen met respect voor de wereld waarin we actief zijn |
• Volledige naleving van de Maritime Labour Conference en toepasbare wetgeving • Een duurzame toeleveringsketen garanderen aan onze diensten |
• Geen bemerkingen gerelateerd aan de Maritime Labour Conference tijdens havenstaatcontroles • Onze verwachtingen communiceren aan leveranciers en deze controleren |
De in deze categorie uitgevoerde of geplande activiteiten staan beschreven in het eerste gedeelte van dit verslag en dient samen gelezen te worden.
Per 31 december 2019 stelde EXMAR wereldwijd 2.416 personen te werk, onder wie 2.124 zeevarenden (2018: 2.084, onder wie 1.784 zeevarenden).
Op 16 mei 2017 machtigde de Buitengewone Algemene Vergadering de Raad van Bestuur om eigen aandelen in te kopen, en werd de machtiging van de Raad van Bestuur vernieuwd om in het geval van een overnamebod op de aandelen van EXMAR NV over te gaan tot een kapitaalverhoging volgens de bepalingen en binnen de beperkingen van artikel 7:202 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen. De Raad van Bestuur is gemachtigd om deze maatregelen te nemen indien de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) de Vennootschap binnen de drie jaar na de datum van de bovenvermelde Buitengewone Algemene Vergadering in kennis stelt van een overnamebod.
Per 31 december 2019 had EXMAR 2.273.263 eigen aandelen, wat overeenkomt met 3,82% van het totale aantal uitgegeven aandelen.
De Raad van Bestuur heeft tot op heden tienmaal beslist een aantal werknemers van de EXMAR Groep opties op bestaande aandelen aan te bieden.
Plan 1, 2, 5, 6 en 7 zijn verwijderd uit de onderstaande tabel aangezien deze verlopen zijn. Plan 5 is eind 2016 verlopen, plannen 1 en 6 zijn eind 2017 verlopen, plannen 2 en 7 zijn eind 2018 verlopen en plan 3 is eind 2019 verlopen.
| Datum aanbod |
|---|
| Datum aanbod | Aantal uitstaande opties | Uitoefenperiode | |
|---|---|---|---|
| PL 4 04.12.2007 | 212.958 | Tussen 01.01.2011 en 15.10.2020 (*) | 14,641 |
| PL 8 03.12.2013 | 437.600 | Tussen 01.01.2017 en 02.12.2021 | 10,54 |
| PL 9 02.12.2014 | 374.100 | Tussen 01.01.2018 en 02.12.2022 | 10,54 |
| PL 10 04.12.2015 | 371.500 | Tussen 01.01.2019 en 03.12.2023 | 9,62 |
(*) De Raad van Bestuur van 23 maart 2009 besliste de oorspronkelijke uitoefenperiode voor de eerste vier optieplannen met vijf jaar te verlengen, dit in toepassing van de beslissing van de Belgische regering om de wet van 26 maart 1999 en meer bepaald de optieplannen te hernieuwen.
Als gevolg van de kapitaalverhoging van november 2009, de dilutiebescherming en het extra dividend van mei 2012 werden het aantal en de uitoefenprijs van de aandelenopties gewijzigd.
De waarderingsgrondslagen toegepast bij het afsluiten van de jaarrekening verschillen niet van de waarderingsgrondslagen die in het voorgaande boekjaar werden toegepast. De samenvatting van de waarderingsgrondslagen wordt aan de jaarrekening gehecht.
Voor de geconsolideerde financiële staten verwijzen we naar de sectie waarderingsregels van de geconsolideerde jaarrekening. Meer specifiek worden de wijzigingen in de waarderingsregels uitgelegd in sectie E als gevolg van de eerste toepassing van IFRS 16.
De belangrijkste gebeurtenissen na de afsluiting van het boekjaar 2019 worden beschreven in toelichting 38 bij de geconsolideerde jaarrekening.
Naast haar hoofdkantoor in Antwerpen (België) heeft EXMAR kantoren in Hong Kong, Houston, Londen, Limassol, Luxemburg, Mumbai, Parijs, Singapore, Nederland, Duisburg, Kingston, Livorno, en Argentinië.
EXMAR heeft bijkantoren in Shanghai, Pointe Noir, Angola en Zuid-Korea.
De Commissaris heeft tijdens het voorbije boekjaar geen uitzonderlijke activiteiten of speciale opdrachten verricht.
De langetermijnvisie die eigen is aan de activiteit van EXMAR gaat gepaard met langlopende financieringen, en dus ook met een blootstelling aan variabele rentevoeten. EXMAR beheert deze blootstelling op een actieve manier en indien nodig door middel van diverse instrumenten ter indekking van stijgende rentevoeten voor een deel van haar schuldportefeuille door middel van diverse instrumenten.
Het wisselkoersrisico van de Groep wordt historisch gezien grotendeels beïnvloed door de EUR/USD verhouding voor de vergoeding van een deel van de bemanning van de vloot in EUR en voor de betaling van de salarissen en andere personeel gerelateerde kosten in EURO. EXMAR Netherlands BV heeft een nieuwe niet-gegarandeerde obligatielening van NOK 650 miljoen afgesloten in 2019. De Groep maakt gebruik van diverse koersindekkingsinstrumenten wanneer noodzakelijk geacht. Per 31 december 2019 staan er geen valutatermijncontracten open om de EURO/USD of de NOK/USD positie in te dekken.
Tijdens de vergadering van de Raad van Bestuur dd. 6 september 2019, verklaarden vier leden van de Raad van Bestuur dat zij een belangenconflict hadden (Nicolas Saverys, Barbara Saverys, Pauline Saverys en Ariane Saverys die bestuurder en aandeelhouder zijn van Saverex NV). Zij namen allen geen deel aan de bespreking en beslissing aangaande dit onderwerp.
... Met betrekking tot de transactie met verbonden partijen worden de leden van de Raad van Bestuur verwezen naar het eerder uitgebrachte advies van de externe raadsman over de mogelijke aansprakelijkheid van de leden van de Raad van Bestuur voor onbetaalde facturen door Nicolas Saverys/Saverex NV die als "misbruik van bedrijfsgoederen" zouden kunnen worden beschouwd en die strafrechtelijk worden gesanctioneerd. Deze transacties zijn ook opgenomen in het halfjaarverslag.
De Raad van Bestuur heeft de plicht om de belangen van de Vennootschap en haar aandeelhouders te beschermen. Er moeten door de Raad van Bestuur maatregelen worden genomen met betrekking tot bepaalde facturen van EXMAR Shipmanagement NV die nog openstaan bij Saverex NV, de eigenaar van het jacht Douce France, voor een totaal bedrag van €755.378,70 per eind augustus 2019, en bepaalde openstaande facturen van de Vennootschap die nog voldaan moeten worden door Nicolas Saverys voor een totaal bedrag van €513K per 30 juni 2019.
Het Auditcomité, dat de bevestiging heeft gekregen van Saverex NV en aanverwante partijen dat het zal overgaan tot een verkoop van EXMAR aandelen om de facturen terug te betalen, beveelt aan, met betrekking tot deze openstaande facturen, een verlenging door de Vennootschap toe te staan voor de betaling van de facturen tot 31 december 2019. Voor de toekomst beveelt het Auditcomité aan dat EXMAR Shipmanagement NV niet langer optreedt als tussenpersoon waarbij het de factuur van de leverancier betaalt en vervolgens de
terugbetaling van de eigenaar moet vragen, maar in plaats daarvan optreedt als agent voor de eigenaars, zoals het bijvoorbeeld doet voor de LPG-vloot van de Vennootschap: leveranciers factureren de eigenaar rechtstreeks. De Raad van Bestuur is het volledig eens met deze aanbevelingen en besluit om als zodanig te handelen.
Ondanks de voorziene oplevering van VLGCnieuwbouwschepen in de loop van 2020 blijven de vrachttarieven naar verwachting stabiel. De constructie van twee VLGC's met dubbele brandstof (capaciteit 88.000 m³) verloopt volgens de bouwplannen. De schepen zullen de EXMAR vloot vervoegen in het tweede en derde kwartaal van 2021 en meteen bij oplevering gecharterd worden aan Equinor.
Met een wereldwijde midsize vloot van 97 schepen en een beperkt orderboek voor slechts zeven schepen eind 2019 zijn de vooruitzichten in dit segment veelbelovend. De voorziene toename in het vervoer over lange afstand betekent dat EXMAR met 17 schepen in eigendom in dit segment goed geplaatst is om op vraag van de markt in te spelen. Met een divers klanten portfolio en een stevige indekking van de vloot voor 81% voor 2020 neemt EXMAR een stevige positie in in dit segment.
Als pionier in de ontwikkeling van op een schip of platform gebaseerde vlottende hervergassingstoepassingen heeft EXMAR met de ingebruikname van de TANGO FLNG als derde FLNG ter wereld bevestigt haar mogelijkheden om innovatieve, snel leverbare en kost-efficiënte drijvende infrastructuur oplossingen te kunnen leveren aan de olie- en gasindustrie.
Voor nieuwe FLNG-projecten kan EXMAR terugvallen op de expertise van bekwame en gemotiveerde experten in verschillende domeinen en de opgedane ervaringen bij de constructieve en inbedrijfstelling van Er wordt aan toegevoegd dat het vliegtuig wordt verkocht, maar dat het bedrijf ca. 100 vlieguren zal huren ...
Alle verschuldigde bedragen zoals hierboven vermeld zijn per eind 2019 voldaan.
de TANGO FLNG om drijvende hervergassings-oplossingen te voorzien aan concurrentiële prijzen en ondersteund door een passende financiering.
EXMAR heeft alle vertrouwen in de afloop van de arbitrageprocedure met Gunvor. In tussentijd blijft de charterovereenkomst van kracht.
2020 belooft weerom een interessant jaar te worden met de voorbereiding van het beheer van de twee nieuwe VLGC's die voor EXMAR in aanbouw zijn alsook de start van de joint-venture AEX LNG Management.
De impact die de Coronacrisis zal hebben op de resultaten van 2020 zijn momenteel moeilijk in te schatten. Het merendeel van EXMAR's schepen is momenteel tewerkgesteld onder middellange- tot langetermijn contracten.
De Raad van Bestuur volgt de situatie op de voet en zal indien nodig de gepaste maatregelen nemen om de Vennootschap te vrijwaren en de continuïteit van de operaties te kunnen verzekeren.
De volledige informatie die overeenkomstig artikel 3:8 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen in onderhavig jaarverslag dient te worden opgenomen en meer bepaald de verklaring inzake deugdelijk bestuur en de bepalingen van artikel 34 van het koninklijk besluit van 14 november 2007 is weergegeven onder het hoofdstuk "Corporate Governance Verklaring".
Wij verzoeken de Algemene Vergadering van Aandeelhouders dit verslag voor het jaar eindigend op 31 december 2019 in zijn geheel goed te keuren en het resultaat te bestemmen zoals bepaald in dit verslag. Wij verzoeken de vergadering ook om kwijting te verlenen aan de bestuurders en de Commissaris voor de uitoefening van hun mandaat tijdens bovenvermeld boekjaar.
De volgende mandaten verlopen bij de Algemene Vergadering:
• Jalcos NV, vertegenwoordigd door de heer Ludwig Criel
Beide bestuurders hebben zich herverkiesbaar gesteld.
De Raad van Bestuur 26 maart 2020
• Baron Philippe Vlerick
De toelichting maakt integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.
(*) De Groep heeft IFRS 16 toegepast per 1 januari 2019, gebruik makend van de "modified retrospective method". Onder deze methode worden de cijfers van het voorgaande boekjaar niet herwerkt. Het effect van de initiële toepassing van IFRS 16 op het eigen vermogen werd bepaald als zijnde nihil. We verwijzen in dit verband naar sectie E in de waarderingsregels en naar toelichting 31.
| GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN EN GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN (IN DUIZENDEN USD) |
Toelichting | 12 maanden eindigend 31/12/2019 |
12 maanden eindigend 31/12/2018 (*) |
|---|---|---|---|
| GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN | |||
| Opbrengsten | 4 | 136.726 | 87.699 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 4 | 19.205 | 30.942 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 4 | 2.315 | 8.754 |
| BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 158.245 | 127.395 | |
| Operationele kosten van schepen (**) | 5 | -46.928 | -33.780 |
| Algemene en administratieve kosten (**) | 6 | -30.345 | -32.922 |
| Personeelskosten | 7 | -33.131 | -34.294 |
| Afschrijvingen | 11/12/13/14 | -26.771 | -19.019 |
| Waardeverminderingen | 14 | -5.139 | 0 |
| Voorzieningen | 27 | 0 | 2.360 |
| Verlies gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | -524 | -1.272 | |
| RESULTAAT UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 15.407 | 8.467 | |
| Intrestopbrengsten Intrestkosten |
8 | 4.430 | 3.043 |
| Andere financiële opbrengsten | 8 8 |
-26.611 3.816 |
-21.241 6.999 |
| Andere financiële kosten | 8 | -7.670 | -9.810 |
| NETTOFINANCIERINGSRESULTAAT | -26.034 | -21.009 | |
| RESULTAAT VOOR BELASTINGEN EN VOOR AANDEEL IN HET RESULTAAT IN GEASSO CIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES |
-10.627 | -12.542 | |
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en joint ventures, na belastingen | 15 | 1.757 | -1.603 |
| RESULTAAT VOOR BELASTING | -8.870 | -14.145 | |
| Belastingen op het resultaat | 9 | -4.332 | -1.925 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | -13.202 | -16.070 | |
| Toe te rekenen aan: | |||
| Minderheidsbelang | 16 | -157 | |
| Aandeelhouders van de vennootschap | -13.219 | -15.913 | |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | -13.202 | -16.070 | |
| WINST PER AANDEEL (IN USD) | 24 | -0,23 | -0,28 |
| VERWATERDE WINST PER AANDEEL (IN USD) | 24 | -0,23 | -0,28 |
| GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | |||
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | -13.202 | -16.070 | |
| Posten die via de verlies- en winstrekening zijn of kunnen verwerkt worden: | |||
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures, aandeel in niet-gerealiseerde resultaten | 8 | -3.555 | 204 |
| Omrekeningsverschillen | 8 | 409 | -878 |
| -3.146 | -674 | ||
| Posten die nooit via de verlies- en winstrekening zullen verwerkt worden: | |||
| Herwaardering van toegezegde pensioenverplichting/ actief | 27 | 2.305 | 247 |
| TOTAAL VAN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN VAN DE PERIODE (NA BELASTINGEN) | -841 | -427 | |
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | -14.044 | -16.497 | |
| Waarvan: | |||
| Minderheidsbelang | 13 | -158 | |
| Aandeelhouders van de vennootschap | -14.057 | -16.339 | |
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | -14.044 | -16.497 |
De toelichting maakt integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.
(*) De Groep heeft IFRS 16 toegepast per 1 januari 2019, gebruik makend van de "modified retrospective method". Onder deze methode worden de cijfers van het voorgaande boekjaar niet herwerkt. Het effect van de initiële toepassing van IFRS 16 op het eigen vermogen werd bepaald als zijnde nihil. We verwijzen in dit verband naar sectie E in de waarderingsregels en naar toelichting 31.
(**) De Groep heeft de vroegere "Diensten en diverse goederen" en "overige bedrijfskosten" verder gedetailleerd in " operationele kosten van schepen" en " algemene en administratieve kosten".
| (IN DUIZENDEN USD) | Toelichting | eindigend 31/12/2019 |
eindigend 31/12/2018 (*) |
|---|---|---|---|
| BEDRIJFSACTIVITEITEN | |||
| Resultaat van het boekjaar | -13.202 | -16.070 | |
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en joint ventures, na belastingen | 15 | -1.757 | 1.603 |
| Afschrijvingen | 11/12/13 | 23.071 | 19.019 |
| Afschrijvingen IFRS 16 | 14 | 3.700 | 0 |
| Waardeverminderingen | 14 | 5.139 | 0 |
| Waardevermindering/ annulatie waardevermindering voor aandelen gewaardeerd aan FVTPL | 8 | -92 | 2.385 |
| Netto-intrest kosten/(opbrengsten) | 8 | 22.181 | 18.198 |
| Belastingen op het resultaat | 9 | 4.332 | 1.925 |
| Netto winst uit de realisatie van vaste activa | -18.681 | -29.670 | |
| Ontvangen dividenden | 8 | -259 | -113 |
| Niet-gerealiseerd koersverschil | 8 | 3.930 | -5.049 |
| Lasten in verband met in aandelen afgewikkelde transacties (aandelenoptieplan) | 26 | 0 | 578 |
| BRUTO KASSTROOM UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 28.362 | -7.194 | |
| (Stijging)/daling van de handels- en overige vorderingen (**) | -3.550 | 1.092 | |
| Stijging/(daling) van de handels- en overige schulden | -1.202 | 2.125 | |
| Stijging/(daling) van de voorzieningen en pensioenverplichtingen | -186 | -2.570 | |
| NETTO KASSTROOM UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 23.424 | -6.547 | |
| Betaalde intresten | -23.890 | -13.315 | |
| Betaalde intresten IFRS 16 | -1.392 | 0 | |
| Ontvangen intresten | 4.457 | 4.431 | |
| Betaalde belastingen KASSTROOM UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN |
-2.742 -143 |
-226 -15.657 |
|
| INVESTERINGSACTIVITEITEN | |||
| Investeringen in schepen en schepen in aanbouw (***) | 11 | -5.684 | -46.732 |
| Investeringen in andere materiële activa | 12 | -336 | -443 |
| Investeringen in immateriële activa | 13 | -122 | -34 |
| Inkomsten uit de verkoop van schepen en andere materiële vaste activa (incl. aangehouden voor verkoop) | 0 | 81 | |
| Verkoop van een joint venture, na aftrek van afgestoten geldmiddelen | 10 | 18.667 | 44.438 |
| Dividenden ontvangen van investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 15 | 5.000 | 2.000 |
| Overige ontvangen dividenden | 8 | 259 | 113 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 17 | 0 | 0 |
| Terugbetalingen van leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 17 | 1.000 | 4.350 |
| KASSTROOM UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN | 18.783 | 3.773 | |
| FINANCIERINGSACTIVITEITEN | |||
| Verkoop van eigen aandelen en uitgeoefende aandelenopties | 0 | 1.135 | |
| Nieuwe leningen | 25 | 169.393 | 69.584 |
| Terugbetalingen van leningen | 25 | -169.306 | -57.505 |
| Terugbetalingen van leasingschulden IFRS 16 | 25 | -2.600 | 0 |
| Betaling van bankvergoedingen/ transactiekosten m.b.t. financieringen | 25 | -2.857 | -2.295 |
| Stijging in geblokkeerde kasequivalenten | 22 | 0 | 0 |
| Daling in geblokkeerde kasequivalenten | 22 | 0 | 164 |
| KASSTROOM UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN | -5.370 | 11.083 | |
| NETTO TOENAME/(AFNAME) IN KAS EN KASEQUIVALENTEN | 13.270 | -801 | |
| AANSLUITING VAN DE NETTO TOENAME/(AFNAME) IN KAS EN KASEQUIVALENTEN | |||
| Netto kas en kasequivalenten bij het begin van het boekjaar | 39.837 | 41.824 | |
| Netto toename/(afname) in kas en kasequivalenten | 13.270 | -801 | |
| Wisselkoersfluctuaties op kas en kasequivalenten | -481 | -1.186 | |
| NETTO KAS EN KASEQUIVALENTEN OP HET EINDE VAN HET BOEKJAAR | 22 | 52.626 | 39.837 |
De toelichting maakt integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.
(*) De Groep heeft IFRS 16 toegepast per 1 januari 2019, gebruik makend van de "modified retrospective method". Onder deze methode worden de cijfers van het voorgaande boekjaar niet herwerkt. Het effect van de initiële toepassing van IFRS 16 op het eigen vermogen werd bepaald als zijnde nihil. We verwijzen in dit verband naar sectie E in de waarderingsregels en naar toelichting 31.
(**) De beweging op handelsvorderingen en overige vorderingen werd gecorrigeerd met met het saldo ontvangen van de Korean Development Bank. Dit bedrag werd geregistreerd per 31/12/2018 als een overige vordering. Zie ook (***).
(***) De investeringen in schepen en schepen in aanbouw werden gecorrigeerd met het saldo ontvangen van de Korean Development Bank aangaande vooruitbetalingen gemaakt voor 2 VLGC's (zie ook toelichting 32) en investeringen dewelke nog niet betaald werden per 31 december 2019.
12 maanden
12 maanden
| GECONSOLIDEERD MUTATIEOVERZICHT VAN HET EIGEN VERMOGEN (IN DUIZENDEN USD) |
Toelichting | Kapitaal | Uitgifte premies |
|---|---|---|---|
| MUTATIEOVERZICHT VAN HET EIGEN VERMOGEN PER 31 DECEMBER 2018 | |||
| OPENING EIGEN VERMOGEN PER 1 JANUARI 2018 | 88.812 | 209.902 | |
| GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | |||
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR Omrekeningsverschillen |
8 | ||
| Omrekeningsverschillen - aandeel geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 8 | ||
| Wijziging in de reële waarde van cash flow afdekkingen - hedge accounting - aandeel geassocieerde ondernemingen en joint ventures |
8 | ||
| Herwaardering van toegezegde pensioenverplichting /actief | 27 | ||
| TOTAAL VAN DE NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | 0 | 0 | |
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | 0 | 0 | |
| TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS Dividenduitkeringen |
23 | ||
| Aandelenoptieplan | 26 | ||
| Uitgeoefende aandelenopties | |||
| Aankoop eigen aandelen | |||
| Op aandelen gebaseerd betalingen | |||
| TOTAAL TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS | 0 | 0 | |
| 31 DECEMBER 2018 | 88.812 | 209.902 | |
| MUTATIEOVERZICHT VAN HET EIGEN VERMOGEN PER 31 DECEMBER 2019 | |||
| OPENING EIGEN VERMOGEN PER 1 JANUARI 2019 | 88.812 | 209.902 | |
| HERCLASSIFICATIE BINNEN HET EIGEN VERMOGEN ALS GEVOLG VAN IFRS 2 (*) | |||
| CORRECTIE ALS GEVOLG VAN DE INITIËLE TOEPASSING VAN IFRS 16, NA BELASTINGEN (**) |
|||
| GECORRIGEERD EIGEN VERMOGEN PER 1 JANUARI 2019 | 88.812 | 209.902 | |
| GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | |||
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | |||
| Omrekeningsverschillen | 8 | ||
| Omrekeningsverschillen - aandeel geassocieerde ondernemingen en joint ventures Wijziging in de reële waarde van cash flow afdekkingen - hedge accounting - |
8 | ||
| aandeel geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 8 | ||
| Herwaardering van toegezegde pensioenverplichting /actief | 27 | ||
| TOTAAL VAN DE NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | 0 | 0 | |
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | 0 | 0 | |
| TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS | |||
| Bijdragen en uitkeringen | |||
| Dividenduitkeringen Aandelenoptieplan |
23 26 |
||
| Wijzigingen in eigendomsbelangen | |||
| Aankoop van minderheidsbelang zonder wijziging in controle | |||
| TOTAAL TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS | 0 | 0 | |
| 31 DECEMBER 2019 | 88.812 | 209.902 |
De toelichting maakt integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.
(*) De Groep heeft USD 3,9 miljoen geherclassificeerd binnen het eigen vermogen als gevolg van vervallen opties.
(**) De Groep heeft IFRS 16 toegepast per 1 januari 2019, gebruik makend van de "modified retrospective method". Onder deze methode worden de cijfers van het voorgaande boekjaar niet herwerkt. Het effect van de initiële toepassing van IFRS 16 op het eigen vermogen werd bepaald als zijnde nihil. We verwijzen in dit verband naar sectie E in de waarderingsregels en naar toelichting 31.
| Overgedragen resultaat |
Reserve voor eigen aandelen |
Omrekenings reserve |
Afdekkings reserve |
Reserve voor aandelen optieplan |
Totaal | Minderheids belang |
Totaal eigen vermogen |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 218.373 | -48.486 | -5.666 | 2.901 | 11.571 | 477.407 | 135 | 477.542 |
| -15.913 | -15.913 | -157 | -16.070 | ||||
| -877 | -877 | -1 | -878 | ||||
| -403 | -403 | -403 | |||||
| 607 | 607 | 607 | |||||
| 247 | 247 | 247 | |||||
| 247 | 0 | -1.280 | 607 | 0 | -426 | -1 | -427 |
| -15.666 | 0 | -1.280 | 607 | 0 | -16.339 | -158 | -16.497 |
| 0 | 0 | ||||||
| 72 | 4.137 | -3.069 | 1.140 | 1.140 | |||
| 578 | 0 578 |
0 578 |
|||||
| 72 | 4.137 | 0 | 0 | -2.491 | 1.718 | 0 | 1.718 |
| 202.779 | -44.349 | -6.946 | 3.508 | 9.080 | 462.786 | -23 | 462.763 |
| 202.779 | -44.349 | -6.946 | 3.508 | 9.080 | 462.786 | -23 | 462.763 |
| 3.942 | -3.942 | 0 | 0 | ||||
| 0 | 0 | ||||||
| 206.721 | -44.349 | -6.946 | 3.508 | 5.138 | 462.786 | -23 | 462.763 |
| -13.219 | -13.219 | 16 | -13.202 | ||||
| 412 | 412 | -3 | 409 | ||||
| -69 | -69 | -69 | |||||
| -3.486 | -3.486 | -3.486 | |||||
| 2.305 | 2.305 | 2.305 | |||||
| 2.305 | 0 | 343 | -3.486 | 0 | -838 | -3 | -841 |
| -10.914 | 0 | 343 | -3.486 | 0 | -14.057 | 13 | -14.044 |
| 0 | 0 | ||||||
| 0 | 0 | ||||||
| 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 0 |
220 220 |
220 220 |
EXMAR nv (de "Onderneming") is een beursgenoteerde onderneming (Euronext-EXM) die in België gedomicilieerd is. De geconsolideerde jaarrekening van de Onderneming omvat de Onderneming, haar dochterondernemingen en de belangen van de Groep in geassocieerde ondernemingen en ondernemingen waarover gezamenlijke controle wordt uitgeoefend (gezamenlijk de "Groep" genoemd). De Groep is actief in de internationale scheepvaart.
De geconsolideerde jaarrekening wordt opgemaakt in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) uitgegeven door de International Accounting Standards Board (IASB) zoals aanvaard binnen de Europese Unie op 31 december 2019.
De geconsolideerde jaarrekening van de Groep houdt rekening met de impact van onderstaande nieuwe IFRS regels welke van toepassing zijn vanaf 1 januari 2019:
• IFRS 16 Leasing
We verwijzen naar sectie E Wijzigingen in waarderingsregels.
De geconsolideerde jaarrekening van de Groep houdt rekening met de impact van onderstaande herwerkte IFRS standaarden en interpretaties welke van toepassing zijn vanaf 1 januari 2019. Deze herwerkingen hebben geen significante invloed gehad op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep.
Een aantal nieuwe standaarden, wijzigingen aan standaarden en interpretaties die per 31 december 2019 nog niet effectief waren, worden niet toegepast door de Groep bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening. Deze nieuwe of gewijzigde standaarden of interpretaties zullen naar alle verwachting geen significante invloed hebben op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep:
De IASB heeft "intrestvoet maatstaf hervorming (wijziging aan IFRS 9, IAS 39, en IFRS 7)" uitgegeven op 26 september 2019. Er bestaan indekkingen van het intrest risico binnen onze joint ventures (afdekkingsreserve van KUSD 22 per einde 2019 en KUSD 3.486 wijziging in de reële waarde erkend in het overzicht van niet-gerealiseerde resultaten in 2019). De wijzigingen laten de verderzetting van hedge accounting toe zelfs indien in de toekomst de ingedekte intrestvoet maatstaf niet langer individueel identificeerbaar zal zijn. Deze wijziging wordt echter niet verlengd naar de vereiste dat de aangewezen intrestvoet risico-component betrouwbaar meetbaar moet zijn. Wanneer de risico-component niet meer betrouwbaar meetbaar is, dan zal de afdekkingsrelatie beëindigd moeten worden.
De Raad van Bestuur van 26 maart 2020 heeft de geconsolideerde jaarrekening goedgekeurd en de toestemming verleend tot publicatie ervan.
De geconsolideerde rekeningen worden opgemaakt in USD ingevolge de bekomen afwijking verleend door Financial Services and Markets Authority (FSMA) bij brief van 2 juli 2003, afgerond naar het dichtstbijzijnde duizendtal. USD is de functionele munt van de onderneming. De jaarrekening is opgesteld op basis van historische kostprijs, met uitzondering van de volgende materiële activa en verplichtingen dewelke zijn gewaardeerd tegen een alternatieve basis op iedere balansdatum: afgeleide financiële instrumenten, overige investeringen (aandelen gewaardeerd aan FVTPL) en de netto pensioenvoorziening aangaande te bereiken doel plannen. De voor verkoop aangehouden vaste activa worden gewaardeerd aan de laagste waarde, hetzij de boekwaarde, hetzij de reële waarde verminderd met de verkoopkost.
Bij de opmaak van de jaarrekening in overeenstemming met IFRS is vereist dat de leiding beoordelingen, schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van de waarderingsregels en de gerapporteerde bedragen van activa en passiva, opbrengsten en kosten. De ramingen en de hiermee verbonden veronderstellingen zijn gebaseerd op historische gegevens en verschillende andere factoren die gegeven de omstandigheden als redelijk worden beschouwd. De uiteindelijke resultaten kunnen verschillen van deze ramingen.
De ramingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend herzien. Herzieningen van de ramingen worden verwerkt in de periode waarin de raming wordt herzien, op voorwaarde dat de herziening alleen op die periode betrekking heeft, of in de periode van de herziening en toekomstige periodes, indien de herziening zowel de huidige als toekomstige periodes treft.
Bij de opstelling van de jaarrekening heeft de Onderneming inschattingen en veronderstellingen gemaakt op het vlak van assumpties voor de bepaling van de reële waarde van het optieplan, de pensioenschuld, voorzieningen en risico's en de classificatie van nieuwe leasingovereenkomsten en time charter overeenkomsten. Bovendien worden de economische levensduur en de residuele waarde van de schepen jaarlijks getoetst aan de realiteit.
Aangezien de marktwaarden van tweedehands schepen fluctueren naargelang de evolutie van de vrachttarieven en de kostprijs van nieuwbouwschepen, geeft de boekwaarde van de schepen mogelijk niet de huidige marktwaarde weer. Historisch gezien zijn zowel vrachttarieven als kostprijzen van schepen cyclisch. Telkens er zich wijzigingen in omstandigheden of feiten voordoen die erop kunnen wijzen dat de boekwaarde van een vloot niet gerecupereerd zal worden, wordt de boekwaarde van die vloot bekeken in het kader van mogelijke afwaardering. De realiseerbare waarde van de vloot is de hoogste waarde van de reële waarde verminderd met de verkoopskosten en de gebruikswaarde. De reële waarde verminderd met de verkoopskosten wordt bepaald op basis van onafhankelijke waarderingsrapporten. De gebruikswaarde is gebaseerd op de verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tot hun huidige waarde. Om de inschatting van de toekomstige kasstromen te bepalen, wordt gebruik gemaakt van inschattingen van toekomstige vrachttarieven, operationele kosten van de schepen, verwachte levensduur van de vloot en de WACC. Deze inschattingen zijn gebaseerd op historische gegevens en toekomstverwachtingen. De directie is van mening, dat de inschattingen een betrouwbare basis zijn voor haar huidige beoordeling maar is zich bewust van de subjectiviteit en veranderlijkheid ervan.
Een aantal van de waarderingsregels en toelichtingen van de Groep vereisen de waardering aan reële waarde voor zowel financiële als niet financiële activa en verplichtingen. Voor de bepaling van de reële waarde gebruikt de Groep observeerbare markt gegevens voor zover als mogelijk. Reële waarden worden opgedeeld in verschillende niveaus in een reële waarde hiërarchie gebaseerd op de gebruikte input in de waarderingsmethoden:
Op dit moment worden we geconfronteerd met de uitbraak van COVID-19. Het is haast onmogelijk om de gevolgen van deze uitbraak te voorspellen, bijgevolg werd de impact niet opgenomen in de geconsolideerde financiêle staten van 2019.
De Groep heeft IFRS 16 toegepast vanaf 1 januari 2019. IFRS 16 schrapt de classificatie van leaseovereenkomsten tussen operationele en financiële leaseovereenkomsten voor de leasingnemer een introduceert één enkel model voor boekhoudkundige verwerking van leaseovereenkomsten voor de leasingnemer. Als gevolg daarvan heeft de Groep een recht-op-gebruik (right-of-use asset) en een leaseverplichting erkend om de onderliggende rechten en verplichtingen uit te drukken. Voor leasinggevers zijn er geen substantiële veranderingen in deze nieuwe standaard IFRS 16.
De Groep heeft besloten om de "modified retrospective method" in overeenstemming met IFRS 16 toe te passen. Onder deze methode wordt het effect van initiële toepassing erkend in het eigen vermogen per 1 januari 2019, dit effect werd bepaald als zijnde nihil. Bijgevolg werden de vergelijkende cijfers voor 2018 niet herwerkt – deze werden zoals eerder gerapporteerd, opgesteld onder IAS 17 en gerelateerde interpretaties. De wijzigingen in de waarderingsregels worden onder toegelicht.
Voordien bepaalde de Groep bij de start van het contract of de overeenkomst een leasingcontract omvatte en dit in overeenstemming met IFRIC 4. De Groep beoordeelt nu of een contract een leasingcontract is of bevat op basis van de nieuwe definitie van leasing zoals verder toegelicht onder "Leasing".
Op moment van overgang naar IFRS 16 heeft de Groep besloten om gebruik te maken van het praktische hulpmiddel om niet opnieuw te beoordelen of het contract een lease is of bevat. Bijgevolg zal de definitie van leasing gebruikt worden in overeenstemming met IAS 17 en IFRIC 4 voor leasingcontracten aangegaan of aangepast voor 1 januari 2019. Bijgevolg wordt de nieuwe definitie van leasing onder IFRS 16 gebruikt voor leasingcontracten aangegaan of aangepast na 1 januari 2019.
De Groep huurt verschillende activa, waaronder gebouwen, motorvoertuigen en IT-materiaal. Als leasingnemer classificeerde de Groep eerder leasingcontracten als zijnde operationele leasing of financiële leasing op basis van de beoordeling of de lease substantieel alle risico's van eigendom transfereerde of
IMPACT OP MOMENT VAN OVERGANG
niet. Onder IFRS 16 erkent de Groep een recht-op-gebruik (right-of-use) en een leaseverplichting voor de meeste van haar leasingcontracten - met andere woorden de leasingcontracten worden op de balans geboekt.
Bij aanvang of bij herbeoordeling of een contract een leasingcomponent omvat, zal de Groep de vergoeding in het contract verdelen over de leasingcomponent en de niet-leasingcomponent op basis van hun relatieve op zichzelf staande prijzen.
Bij overgang, voor leasing contracten geclassificeerd als operationele leasingcontracten onder IAS 17, wordt de leaseverplichting gewaardeerd aan de contante waarde van de resterende toekomstige leasebetalingen, verdisconteerd aan de marginale rentevoet van de Groep per 1 januari 2019. Een rechtop-gebruik (right-of-use asset) wordt geregistreerd aan hetzelfde bedrag als de leaseverplichting, aangepast met het bedrag van vooruitbetaalde of voorziene leasebetalingen.
De Groep heeft de gebruiksrechten getest op waardeverminderingen op het ogenblik van de overgang naar IFRS 16 en heeft geoordeeld dat er geen indicatoren bestonden welke aangaven dat de gebruiksrechten dienden getest te worden.
De Groep gebruikt onderstaande praktische hulpmiddelen bij de toepassing van IFRS 16 op leasingcontracten eerder geclassificeerd als operationele leasingcontracten onder IAS 17:
• leasingcontracten met immateriële waarde werden niet erkend in de balans. • Initiële directe kosten worden uitgesloten van de waardering van de gebruiksrechten op de datum van initiële toepassing.
De Groep verhuurt een significant deel van haar schepen. De Groep heeft deze leasingcontracten geclassificeerd als operationele leasingcontracten. De waarderingsregels voor contracten waar de Groep optreedt als leasinggever zijn niet verschillend van deze onder IAS 17.
Bij overgang naar IFRS 16 heeft de Groep additionele gebruiksrechten en gerelateerde leasingverplichtingen erkend. Onder de "modified retrospective method" wordt het effect van initiële toepassing erkend in het eigen vermogen per 1 januari 2019, dit effect werd bepaald als zijnde nihil. De impact op moment van overgang wordt onder weergegeven.
| 01/01/2019 | ||||
|---|---|---|---|---|
| IMPACT OP GECONSOLIDEERDE FINANCIËLE STATEN | ||||
| Gebruiksrechten Leaseverplichtingen |
13.026 13.026 |
|||
| Gebouwen | Motorvoertuigen | IT-materiaal | Totaal | |
| GEBRUIKSRECHTEN | ||||
| BALANS PER 1 JANUARI 2019 | 5.529 | 6.901 | 596 | 13.026 |
Bij waardering van de leaseverplichtingen voor contracten welke eerder geclassificeerd werden als operationele leasecontracten, heeft de Groep de leasebetalingen verdisconteerd aan haar marginale rentevoet per 1 januari 2019. De gewogen gemiddelde gebruikte rentevoet bedraagt 3,85%.
Operationele leaseverplichtingen zoals toegelicht in het jaarverslag 31/12/2018 14.340 Verdisconteerd aan de marginale rentevoet per 1 januari 2019 13.029 Erkenningsvrijstelling voor contracten immateriële waarde -3 Leaseverplichtingen geregistreerd per 1 januari 2019 13.026
a) Consolidatieprincipes
Bedrijfscombinaties worden verwerkt op basis van de overnamemethode op overnamedatum, zijnde de datum waarop de zeggenschap overgaat naar de Groep.
Een bedrijf is een geïntegreerde set van activa en passiva dewelke in staat is om geleid te worden om een rendement te leveren aan investeerders (of andere eigenaars, leden of deelnemers) via dividenduitkering, lagere kosten of andere economische voordelen. Een bedrijf bestaat algemeen gezien uit inputs, processen toegepast op deze inputs en de mogelijkheid om outputs te creëren. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer de acquisitie ook de overname omvat van de lopende contracten inzake bevrachting, bemanning,…
De overgedragen vergoeding in de acquisitie wordt over het algemeen gemeten aan reële waarde, zowel als de identificeerbare netto verworven activa en aangegane verplichtingen. Enige goodwill dat ontstaat uit de acquisitie wordt jaarlijks getest voor een bijzondere waardevermindering. Indien het verschil negatief is, wordt onmiddellijk een boekwinst uit een voordelige koop in de winst- en verliesrekening opgenomen. Transactiekosten worden onmiddellijk ten laste genomen in de resultatenrekening, tenzij de kosten verband houden met de uitgifte van aandelen of obligaties.
De overgedragen vergoeding omvat geen bedragen in verband met de afwikkeling van bestaande relaties.
De reële waarde van een voorwaardelijke vergoeding wordt op overnamedatum opgenomen. Indien die voorwaardelijke vergoeding wordt geclassificeerd als eigen vermogen, vindt geen latere herwaardering plaats en wordt de afwikkeling verantwoord binnen het eigen vermogen. In het andere geval worden wijzigingen na eerste opname in de winst- en verliesrekening opgenomen.
De dochterondernemingen zijn die welke door de Groep worden gecontroleerd. Controle bestaat wanneer de onderneming is blootgesteld aan, dan wel recht heeft op, variabele rendementen en het vermogen heeft die rendementen te beïnvloeden aan de hand van haar controle over de entiteit.
De financiële staten van de dochterondernemingen worden integraal in de consolidatie opgenomen vanaf de datum van verwerving tot het einde van de controle. Alle openstaande posten en opbrengsten en kosten, niet gerealiseerde winsten en verliezen en dividenden die het resultaat zijn van transacties tussen ondernemingen van de Groep worden volledig geëlimineerd.
Bij verlies van zeggenschap worden de activa en verplichtingen van de dochteronderneming, eventuele minderheidsbelangen en overige met de dochteronderneming samenhangende vermogenscomponenten niet langer in de balans opgenomen. Het eventuele overschot of tekort op het verlies van zeggenschap wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening. Indien de Groep een belang behoudt in de voormalige dochteronderneming, wordt dat belang tegen de reële waarde verantwoord vanaf de datum dat niet langer sprake was van zeggenschap.
Een geassocieerde onderneming is een onderneming waarin de Onderneming een invloed van betekenis, doch geen controle heeft op het financiële en operationele beleid. Een invloed van betekenis wordt verondersteld wanneer de Groep tussen 20 en 50% van de stemrechten bezit.
Een joint venture is een overeenkomst waarin de Groep gezamenlijke controle heeft en waar de Groep rechten heeft op het eigen vermogen van de overeenkomst rekening houdende met de rechten van de Groep in de rechten en plichten van de overeenkomst.
De geassocieerde ondernemingen en joint ventures worden via de vermogensmutatiemethode opgenomen in de consolidatie en bij eerste opname gewaardeerd aan kostprijs. De kostprijs van de investering omvat transactiekosten. De investering van de Groep in de geassocieerde ondernemingen en joint ventures omvat de goodwill bepaald bij aanschaf, verminderd met eventuele cumulatieve bijzondere waardeverminderingen. De geconsolideerde jaarrekening omvat het aandeel van de Groep in het resultaat en in de bewegingen in het eigen vermogen van de geassocieerde ondernemingen en joint ventures, vanaf het moment dat deze belangrijke invloed of gezamenlijke controle ontstaat tot het moment dat deze invloed of gezamenlijke controle ophoudt.
Wanneer het aandeel van de Groep in het verlies van de geassocieerde onderneming of joint venture de investering in deze onderneming overstijgt, wordt de investering tot nul herleid, en wordt de erkenning van toekomstige verliezen gestaakt, behalve wanneer de Groep de verplichting heeft om betalingen te verrichten voor rekening van de geassocieerde onderneming of joint venture. In dit geval wordt deze verplichting eerst toegewezen aan andere elementen van de investering in de geassocieerde onderneming of joint venture (leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures). Indien de negatieve investering de totale investering overschrijdt, wordt een verplichting erkend voor het netto bedrag. Niet-gerealiseerde winsten uit hoofde van transacties met investeringen verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode worden geëlimineerd naar rato van het belang dat de Groep in de geassocieerde onderneming of joint venture heeft. Niet-gerealiseerde verliezen worden op dezelfde wijze geëlimineerd als niet-gerealiseerde winsten, maar slechts voor zover er geen aanwijzing is voor een bijzondere waardevermindering.
In de individuele ondernemingen worden de transacties in vreemde valuta omgerekend tegen de geldende wisselkoers op transactiedatum. Monetaire activa en passiva uitgedrukt in vreemde valuta op balansdatum worden omgezet naar USD tegen de wisselkoers op balansdatum. De niet-monetaire activa en passiva gewaardeerd aan historische kost worden omgerekend naar USD aan de koers van de initiële transactie. Niet-monetaire activa en passiva gewaardeerd tegen reële waarde worden omgerekend naar USD tegen de koers op moment ter bepaling van de reële waarde. Wisselkoerswinsten en –verliezen worden in de resultatenrekening geboekt, behalve voor de kasstroomafdekkingen (voor zover deze afdekkingen effectief zijn), welke in het eigen vermogen worden erkend.
Activa en passiva van activiteiten in vreemde munt, met inbegrip van goodwill en reële waardeaanpassingen bij aanschaffing, worden omgerekend naar USD tegen de slotkoers op de balansdatum. Opbrengsten en kosten worden
omgerekend in USD aan de transactiekoers (de gemiddelde wisselkoers van de betreffende periode wordt gehanteerd op voorwaarde dat deze koers niet te veel afwijkt van de transactiekoers). De wisselkoersverschillen die hieruit voortvloeien worden opgenomen in de rubriek "omrekeningsverschillen" in het eigen vermogen. Het bedrag dat toewijsbaar is aan minderheidsbelangen wordt opgenomen als deel van de minderheidsbelangen. Indien een buitenlandse activiteit wordt verkocht in die zin dat de Groep de zeggenschap, invloed van betekenis dan wel gezamenlijke zeggenschap verliest, wordt het in verband met deze buitenlandse activiteit cumulatief opgebouwde bedrag overgeboekt naar de winst- en verliesrekening als onderdeel van de winst of het verlies bij de verkoop. Indien de Groep slechts een deel van het belang in een dochter die een buitenlandse activiteit omvat verkoopt terwijl de Groep wel zeggenschap houdt, wordt het betreffende evenredige aandeel in het cumulatieve bedrag toegerekend aan minderheidsbelangen. Indien de Groep slechts een deel van het belang in een geassocieerde deelneming of joint venture die een buitenlandse activiteit omvat verkoopt terwijl de Groep wel invloed van betekenis of gezamenlijke zeggenschap houdt, wordt het betreffende evenredige aandeel in het cumulatieve bedrag overgeboekt naar de winst- en verliesrekening.
Financiële activa en financiële verplichtingen worden erkend in de geconsolideerde balans wanneer de Groep partij wordt aan de contractuele bepalingen van het instrument.
Financiële activa en financiële verplichtingen worden initieel gewaardeerd aan reële waarde. Transactiekosten die direct toewijsbaar zijn aan de aanschaffing of uitgifte van financiële activa en financiële verplichtingen (andere dan financiële activa en financiële verplichtingen met verwerking van waardeveranderingen door het overzicht van gerealiseerde resultaten) worden toegevoegd of worden afgetrokken van de reële waarde van de financiële activa of financiële verplichtingen, al naargelang het geval, bij initiële erkenning. Transactiekosten die direct toewijsbaar zijn aan financiële activa of financiële verplichtingen met verwerking van waardeveranderingen door het overzicht van gerealiseerde resultaten worden onmiddellijk erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten.
Alle aankopen of verkopen volgens standaard marktconventies van financiële activa worden erkend op transactiedatum. Aankopen of verkopen volgens standaard marktconventies zijn aankopen of verkopen van financiële activa dewelke levering van activa vereisen binnen het tijdsbestek vastgesteld door wetgeving of conventie in de markt.
Schuldinstrumenten die voldoen aan onderstaande voorwaarden worden daaropvolgend gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs.
Schuldinstrumenten dewelke voldoen aan onderstaande voorwaarden worden vervolgens gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van de waardeveranderingen door het overzicht van niet-gerealiseerde resultaten (FVTOCI):
Standaard worden alle andere financiële activa vervolgens gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van de waardeveranderingen door het overzicht van gerealiseerde resultaten (FVTPL).
Ondanks voorgaande bepalingen kan de Groep onderstaande onherroepelijke
keuzes maken bij initiële erkenning van een financieel actief:
Alle erkende financiële activa worden vervolgens in hun geheel gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs of reële waarde, afhankelijk van de classificatie van de financiële activa.
Deze activa worden vervolgens gewaardeerd aan de geamortiseerde kostprijs volgens de effectieve intrest methode. De geamortiseerde kostprijs wordt verminderd met bijzondere waardeverminderingen. Intrest inkomsten, vreemde valuta resultaten en bijzondere waardeverminderingen worden erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten.
Deze activa worden vervolgens gewaardeerd aan reële waarde. Intrest inkomsten worden berekend volgens de effectieve intrest methode, vreemde valuta resultaten en bijzondere waardeverminderingen worden erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten.
Deze activa worden vervolgens gewaardeerd aan reële waarde. Dividenden worden erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten tenzij deze dividenden duidelijk een recuperatie vertegenwoordigen van een deel van de kostprijs van de investering. Overige winsten en verliezen worden erkend in het overzicht van niet-gerealiseerde resultaten (OCI) en worden nooit geherklasseerd naar het overzicht van gerealiseerde resultaten.
Deze activa worden vervolgens gewaardeerd aan reële waarde. Netto winsten of verliezen, inclusief intrest inkomsten of ontvangen dividenden worden erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten. Zie echter het gedeelte over afgeleide financiële instrumenten en hedge accounting voor instrumenten aangeduid als afdekkingsinstrument.
De Groep neemt een financieel actief niet langer in de balans op wanneer het recht op de kasinstroom van dit actief vervalt of verkocht wordt in een transactie waarbij alle risico's en voordelen verbonden aan de eigendom van het actief overgegaan zijn naar de koper, of wanneer ze niet alle voordelen en risico's verbonden aan de eigendom van het actief verkoopt noch behoudt en controle verliest over het getransfereerde actief. Elke resterend belang in dergelijke getransfereerde financiële activa dat gecreëerd of aangehouden wordt door de Groep wordt als afzonderlijk actief of passiva geboekt.
Financiële verplichtingen worden geclassificeerd als gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs of FVTPL. Een financiële verplichting wordt geclassificeerd als FVTPL wanneer het geclassificeerd wordt als aangehouden voor verkoop, het een derivaat is of aangewezen wordt als derivaat bij initiële erkenning. Financiële verplichtingen gewaardeerd aan FVTPL worden initieel gewaardeerd aan reële waarde en netto winsten en verliezen, inclusief intrestkosten, worden erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten. Andere financiële verplichtingen worden vervolgens gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve intrestmethode. Intrestkosten en vreemde valuta resultaten worden erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten. Alle winsten of verliezen gerealiseerd als gevolg van het niet langer opnemen in de balans van de financiële verplichtingen, wordt erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten.
Zie sectie afgeleide financiële instrumenten en hedge accounting voor instrumenten aangeduid als afdekkingsinstrument.
De Groep neemt een financiële verplichting niet langer op in de balans wanneer de contractuele verplichtingen worden beëindigd, geannuleerd of vervallen. De Groep neemt een financiële verplichting eveneens niet langer op in de balans wanneer de voorwaarden gewijzigd worden en de kasstromen van de gewijzigde financiële verplichting substantieel verschillen. In dit geval wordt een nieuwe financiële verplichting geregistreerd gebaseerd op de gewijzigde voorwaarden aan reële waarde.
Bij uitboeking van een financiële verplichting, wordt het verschil tussen de boekwaarde en het betaalde bedrag (inclusief enige niet-cash getransfereerde activa of overgenomen schulden) erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten.
Financiële activa en passiva worden gecompenseerd enkel en alleen wanneer de Groep een wettelijk recht heeft om de bedragen te compenseren en van plan is om de financiële activa en passiva op een netto basis af te wikkelen of om gelijktijdig het actief te realiseren en de schuld af te lossen.
Gewone aandelen maken deel uit van het eigen vermogen. Kosten verbonden aan de uitgifte van aandelen en aandelenopties worden, netto van tax effect, in mindering gebracht van het eigen vermogen. Wanneer de Groep eigen aandelen koopt wordt het bedrag aan aankoopprijs, vermeerderd met direct toewijsbare aankoopkosten na belasting in mindering gebracht van het eigen vermogen. Bij de verkoop van eigen aandelen, wordt het ontvangen bedrag verwerkt als een verhoging van het eigen vermogen en het surplus of tekort op de transactie wordt opgenomen in het overgedragen resultaat.
De Groep maakt gebruik van afgeleide financiële instrumenten voor het beheer van haar wisselkoers- en renterisico dat voortvloeit uit de operationele, financiële en investeringsactiviteiten. In contracten besloten derivaten worden afgescheiden van het basiscontract en afzonderlijk verwerkt op voorwaarde dat het basiscontract geen financieel actief is en er aan bepaalde voorwaarden voldaan wordt.
Afgeleide financiële instrumenten worden aanvankelijk gewaardeerd aan reële waarde op het ogenblik dat het derivatencontract afgesloten wordt. Na aanvang worden de afgeleide financiële instrumenten aan reële waarde geboekt. Wijzigingen in deze "reële" waarde worden algemeen gezien in het overzicht van gerealiseerde resultaten geboekt.
De Groep erkent bepaalde afgeleid financieel instrumenten als afdekkingsinstrument ter afdekking van variabiliteit in kasstromen geassocieerd met hoogst waarschijnlijke verwachte transacties als gevolg van wijzigingen in wisselkoersen en rentevoeten en bepaalde derivaten en niet-afgeleide financiële schulden als indekking van het wisselkoersrisico van een netto investering in een buitenlandse entiteit.
Bij aanvang documenteert de Groep op formele wijze de objectieven ter beheersing van het risico en de strategie met betrekking tot het aangaan van de transactie. De Groep documenteert eveneens de relatie tussen het afdekkingsinstrument en de afdekkingstransactie, inclusief of de wijzigingen in kasstromen elkaar verwachten te neutraliseren.
Wanneer een afgeleid financieel instrument werd erkend als kasstroomafdekkingsinstrument, wordt het effectieve deel van de wijziging in reële waarde in het eigen vermogen erkend als afdekkingsreserve. Het effectieve deel van wijzigingen in de reële waarde van het derivaat dat erkend wordt in OCI is beperkt tot de cumulatieve wijzigingen in de reële waarde van de afgedekte positie, gebaseerd op een contante waarde basis. Het niet-effectieve deel van de wijziging in de reële waarde wordt onmiddellijk in de resultatenrekening erkend. Het bedrag dat in het eigen vermogen werd opgenomen wordt in de resultatenrekening erkend op het moment dat de afgedekte kasstromen de resultatenrekening beïnvloeden.
Wanneer niet langer voldaan wordt aan de criteria voor afdekkingstransacties of wanneer het afdekkingsinstrument wordt uitgeoefend, beëindigd, verkocht of vervalt, wordt "hedge accounting" prospectief beëindigd. Het cumulatief bedrag dat voorheen werd erkend in het eigen vermogen wordt daar behouden totdat de afdekkingstransactie de resultatenrekening beïnvloedt. Wanneer de afdekkingstransactie niet langer verwacht wordt zich voor te doen, dan wordt het geaccumuleerde bedrag in het eigen vermogen verwerkt via de resultatenrekening.
Goodwill die voortvloeit uit de verwerving van dochterondernemingen wordt verantwoord onder immateriële activa.
Voor overnames op of na 1 januari 2010 bepaalt de Groep de goodwill bij acquisitie als de reële waarde van de overgedragen vergoeding, vermeerderd met het opgenomen bedrag van eventuele minderheidsbelangen in de overgenomen partij; plus indien de bedrijfscombinatie in fasen plaatsvindt, de reële waarde van het voorafgaande belang in de overgenomen partij; verminderd met het reeds erkende nettobedrag (over het algemeen de reële waarde) van de identificeerbare verworven activa en aangegane verplichtingen. Indien het verschil negatief is, wordt onmiddellijk een boekwinst uit een voordelige koop in de winst- en verliesrekening opgenomen. In de overgedragen vergoeding is geen bedrag begrepen voor de afwikkeling van bestaande relaties. Een dergelijk bedrag wordt in het algemeen in de winst- en verliesrekening opgenomen. Door de Groep gemaakte kosten in verband met een bedrijfscombinatie, niet zijnde kosten in verband met de uitgifte van aandelen of obligaties, worden opgenomen in de winst- en verliesrekening wanneer zij worden gemaakt. De reële waarde van een voorwaardelijke vergoeding wordt op overnamedatum opgenomen. Indien die voorwaardelijke vergoeding wordt geclassificeerd als eigen vermogen, vindt geen latere herwaardering plaats en wordt de afwikkeling verantwoord binnen het eigen vermogen. In het andere geval worden wijzigingen na eerste opname in de winst- en verliesrekening opgenomen.
Voor gedane overnames tussen 1 januari 2004 en 1 januari 2010 is goodwill het positieve verschil tussen de kostprijs van de acquisitie en het belang van de Groep in het opgenomen bedrag (over het algemeen de reële waarde) van de identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen van de overgenomen partij. Indien het verschil negatief was, werd onmiddellijk een boekwinst uit een voordelige koop in de winst- en verliesrekening opgenomen. Door de Groep gemaakte transactiekosten in verband met een bedrijfscombinatie, niet zijnde kosten in verband met de uitgifte van aandelen of obligaties, werden opgenomen als onderdeel van de kostprijs van de overname.
Na aanvang wordt goodwill gewaardeerd aan kostprijs, verminderd met eventuele waardeverminderingen. Voor wat betreft de geassocieerde ondernemingen en joint ventures, wordt de boekwaarde van de goodwill opgenomen in de boekwaarde van de investering. Een bijzonder waardeverminderingsverlies op een dergelijke investering wordt toegerekend aan de boekwaarde van de investering verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode.
Kosten van onderzoek met betrekking tot de ontwikkeling van nieuwe technologische kennis worden in de resultatenrekening erkend wanneer zij worden gemaakt.
Er is sprake van ontwikkelingsactiviteiten wanneer een plan of ontwerp voor de productie van nieuwe producten of processen voor handen is. Kosten met betrekking tot ontwikkeling worden geactiveerd enkel als de kosten op een redelijke basis kunnen worden ingeschat, het product of proces commercieel en technisch realiseerbaar is, toekomstige kasinstromen waarschijnlijk zijn en de Groep de intentie heeft om de ontwikkeling te voltooien en het actief te gebruiken of te verkopen en daartoe ook de nodige middelen heeft. Geactiveerde kosten van ontwikkeling worden gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingsverliezen.
Andere immateriële activa (o.a. software) door de Groep verworven, worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingsverliezen voor zover deze immateriële activa een beperkte gebruiksduur hebben. De afschrijvingen worden volgens de lineaire methode in de winst- en verliesrekening opgenomen gespreid over de geschatte gebruiksduur. Zij worden afgeschreven vanaf de datum dat ze beschikbaar zijn voor gebruik. Afschrijvingsmethodes, gebruiksduur en residuele waarden worden jaarlijks getoetst om na te gaan of ze nog gepast zijn.
Immateriële activa met een onbeperkte gebruiksduur of immateriële activa die nog niet beschikbaar zijn voor gebruik, worden jaarlijks onderworpen aan een bijzondere waardeverminderingstest.
Bijkomende kosten worden uitsluitend geactiveerd wanneer hierdoor de toekomstige economische voordelen toenemen die zijn besloten in het specifieke actief waarop de uitgaven betrekking hebben. Alle overige uitgaven worden verwerkt in de resultatenrekening wanneer zij zich voordoen.
Materiële vaste activa worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingsverliezen. De aanschaffingswaarde omvat de uitgaven die direct verbonden zijn aan de aankoop van de betreffende activa. De aanschaffingswaarde voor zelf vervaardigde activa omvat de kostprijs van materialen, de rechtstreekse loonkost, andere kosten, direct toewijsbaar aan het gebruiksklaar maken van het activa en financieringskosten die rechtstreeks zijn toe te rekenen aan de verwerving van de activa.
Bijkomende kosten met betrekking tot de materiële vaste activa worden enkel geactiveerd wanneer deze kosten resulteren in een toekomstig rendement en de kosten op een redelijke basis kunnen bepaald worden. Wanneer een onderdeel van materiële vaste activa wordt vervangen, wordt de vervangingskost geactiveerd en de netto boekwaarde van het vervangen deel uitgeboekt. Kosten met betrekking tot de dagdagelijkse werking van materiële vaste activa worden in de resultatenrekening opgenomen wanneer zij worden gemaakt.
Wanneer delen van materiële vaste activa een verschillende gebruiksduur hebben, worden ze als afzonderlijke delen erkend binnen het materiële vaste actief.
De afschrijvingen worden berekend op het afschrijfbaar bedrag, zijnde de kostprijs van het actief, verminderd met de residuele waarde.
Schepen of platformen in aanbouw worden apart geclassificeerd in de geconsolideerde balans onder schepen in aanbouw. Deze schepen in aanbouw worden niet afgeschreven, de afschrijvingen starten op het moment dat de schepen geleverd worden. Vanaf het moment van levering, worden de schepen niet langer opgenomen als schepen in aanbouw. Het ondernemingsmodel van de Groep is erop gericht om activa te verhuren of zelf te exploiteren.
Schepen worden lineair afgeschreven in overeenstemming met hun geschatte gebruiksduur binnen de Groep tot hun residuele waarde. De residuele waarde bedraagt USD 0 voor alle schepen en platformen.
| Gasschepen LPG: | 30 jaar |
|---|---|
| Gasschepen LNG: | 35 jaar |
| LNG-platform: | 30 jaar |
| Accommodatie platform 2e hands; | 10-12 jaar |
| Accommodatieplatform nieuwbouw: | |
| • Romp, machines & dek uitrusting | 20 jaar |
| • Accommodatie | 10 jaar |
Droogdokkosten worden geactiveerd wanneer ze worden uitgevoerd en afgeschreven over de periode tot het volgende droogdok.
De overige materiële vaste activa worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de geschatte gebruiksduur van het actief. Terreinen worden niet afgeschreven.
De geschatte afschrijvingspercentages van de verschillende types activa zijn als volgt:
| Gebouwen: | 3% |
|---|---|
| Onroerende leasing: | 3% |
| Machines en uitrusting: | 20% |
| Meubilair: | 10% |
| Auto's: | 20% |
| Vliegtuig: | 10% |
| Informaticamaterieel: | 33% |
De afschrijvingsmethode, residuele waarde en gebruiksduur worden bij iedere jaarafsluiting opnieuw bekeken en aangepast indien nodig.
Leasingovereenkomsten waarbij de Groep vrijwel alle risico's en voordelen verbonden aan het eigendomsrecht van de betrokken activa op zich neemt, worden beschouwd als financiële leasing. De activa, verworven onder de vorm van financiële leasing, worden opgenomen voor een bedrag gelijk aan het laagste van de reële waarde en de actuele waarde van de minimale lease betalingen bij de aanvang van de leasingovereenkomst, nadien verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en de bijzondere waardeverminderingen. De afschrijvingsperiode stemt overeen met de geschatte gebruiksduur of met de looptijd van de leasingovereenkomst. Indien het niet zeker is dat de eigendom op het einde van het contract overgaat, dan wordt het actief volledig afgeschreven over de kortste termijn van geschatte gebruiksduur of looptijd van de leasingovereenkomst.
Vastgoedbeleggingen worden gewaardeerd tegen historische kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen. De afschrijvingen worden volgens de lineaire methode in winst- en verliesrekening gespreid over de geschatte gebruiksduur van de vastgoedbeleggingen.
Voor deze activa wordt op balansdatum beoordeeld of het kredietrisico significant gestegen is sinds initiële erkenning. Bijzondere waardeverminderingen worden gemeten volgens een bedrag gelijk aan levenslang verwachte kredietverliezen. (lifetime expected credit losses – ECL's). Tijdens de beoordeling of het kredietrisico van een financieel actief significant gestegen is sinds initiële erkenning en tijdens de inschatting van ECL's, houdt de Groep rekening met redelijke en gefundeerde informatie dewelke relevant en beschikbaar is zonder onnodige kost en/of moeite. Dit omvat zowel kwantitatieve als kwalitatieve informatie en analyse gebaseerd op de historische ervaring van de Groep en geïnformeerde kredietwaardigheidsinformatie en inclusief toekomstgerichte informatie.
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op deelnemingen verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode worden in overeenstemming met IAS 39 bepaald door vergelijking van de realiseerbare waarde van de deelneming met zijn boekwaarde. Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt verwerkt in de winst of het verlies en wordt teruggenomen in geval van een positieve verandering in de schattingen die worden gebruikt ter bepaling van de realiseerbare waarde.
De boekwaarden van niet financiële activa, uitgezonderd uitgestelde belastingvorderingen, worden op iedere balansdatum getoetst om na te gaan of er aanwijzingen zijn dat zij mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan. Indien dergelijke aanwijzingen bestaan, wordt een schatting gemaakt van de realiseerbare waarde van het actief.
Voor goodwill, activa met een onbepaalde gebruiksduur en immateriële activa die nog niet gebruiksklaar zijn, wordt op iedere balansdatum de realiseerbare waarde geschat.
De realiseerbare waarde is de hoogste waarde van de gebruikswaarde en de reële waarde verminderd met verkoopkosten. Om de gebruikswaarde te bepalen, worden de verwachte toekomstige kasstromen gedisconteerd tot hun huidige waarde met behulp van een disconteringsvoet voor belastingen die zowel de actuele marktbeoordeling van de tijdwaarde van geld en de risico's inherent aan het actief weergeeft. In het kader van deze analyse worden activa, die niet op individuele basis getoetst kunnen worden, toegewezen aan de kleinste groep van activa die kasstromen genereren van voortdurend gebruik die grotendeels onafhankelijk zijn van de kasstromen van andere activa of groep van activa ("de kasstroom genererende eenheid").
De goodwill ten gevolge van de aankoop van een dochteronderneming of joint venture wordt, met het oog op het testen voor waardeverminderingen, toegewezen aan de kasstroom genererende eenheid die het meeste voordeel heeft van de aankoop van de onderneming.
Er wordt een bijzondere waardevermindering opgenomen wanneer de boekwaarde van een actief of de kasstroom genererende eenheid waartoe het actief behoort, hoger is dan de realiseerbare waarde. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden in de resultatenrekening opgenomen.
Waardeverminderingen erkend met betrekking tot kasstroom genererende eenheden worden eerst toegerekend aan de boekwaarde van de goodwill en daarna aan de andere activa van de eenheid op een pro rata basis.
Met betrekking tot goodwill worden bijzondere waardeverminderingsverliezen niet teruggenomen. Met betrekking tot andere activa wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies teruggenomen indien er zich een wijziging heeft voorgedaan in de gehanteerde schattingen bij het bepalen van de realiseerbare waarde waaruit blijkt dat het verlies verminderd is of niet meer bestaat. Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt enkel teruggenomen voorzover de boekwaarde van het actief niet hoger is dan de boekwaarde die bekomen zou zijn, na afschrijvingen, indien geen bijzonder waardeverminderingsverlies zou zijn geboekt.
Vaste activa of een groep van vaste activa die worden afgestoten worden geclassificeerd als aangehouden voor verkoop indien de boekwaarde hoofdzakelijk door een verkooptransactie zal worden gerealiseerd en niet door het voortgezette gebruik ervan. Onmiddellijk voordat het actief voor het eerst wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, wordt de waardering van het actief herzien op basis van de waarderingsregels van de Groep. Nadien worden de activa gewaardeerd tegen het laagste van de boekwaarde en de reële waarde van het activa, verminderd met verkoopkosten. Een bijzonder waardeverminderingsverlies op een groep af te stoten activa en verplichtingen wordt in eerste instantie toegerekend aan goodwill en vervolgens naar rato aan de resterende activa en verplichtingen, met dien verstande dat geen bijzonder waardeverminderingsverlies wordt toegerekend aan activa die niet in de scope zijn van IFRS 5 (dewelke blijven gewaardeerd worden op basis van de overige waarderingsregels van de Groep). Immateriële activa, materiële vaste activa en vastgoedbeleggingen worden vervolgens niet langer afgeschreven. Verder wordt ook de vermogensmutatie niet langer toegepast na herclassificatie voor geassocieerde deelnemingen en joint ventures.
Verplichtingen met betrekking tot toegezegde bijdrageregelingen worden geboekt als een kost in de resultatenrekening wanneer ze zich voordoen.
De netto verplichting van de Groep uit hoofde van toegezegde pensioenregelingen wordt voor iedere regeling afzonderlijk berekend door een schatting te maken van de pensioen aanspraken die werknemers hebben opgebouwd in de verslagperiode en voorgaande perioden, waarbij dat bedrag contant wordt gemaakt en verminderd met de reële waarde van de fondsbeleggingen. De berekening van toegezegde pensioenverplichtingen wordt jaarlijks uitgevoerd door een gekwalificeerde actuaris volgens de 'projected unit credit'-methode. Wanneer de berekening resulteert in een positief saldo voor de Groep, wordt de opname van het actief beperkt tot een bedrag dat maximaal gelijk is aan de contante waarde van economische voordelen in de vorm van eventuele toekomstige terugstortingen door het fonds of lagere toekomstige pensioenpremies. Bij de berekening van de contante waarde van economische voordelen wordt rekening gehouden met minimale financieringsverplichtingen die van toepassing zijn op de afzonderlijke regelingen van de Groep.
Herwaarderingen van de netto-toegezegde pensioenverplichting, die bestaan uit actuariële winsten en verliezen, het rendement op fondsbeleggingen (exclusief rente) en het effect van het actiefplafond (indien aanwezig, exclusief rente), worden direct verwerkt in niet-gerealiseerde resultaten. De Groep bepaalt de netto rentelast (-bate) op de netto-toegezegde pensioenverplichting (het actief) over de verslagperiode door de disconteringsvoet die is gebruikt voor het bepalen van de toegezegde pensioenverplichting aan het begin van de het jaar, toe te passen op de toenmalige netto-toegezegde pensioenverplichting (actief), rekening houdend met eventuele wijzigingen in de netto toegezegde pensioenverplichting (actief) gedurende de periode als gevolg van bijdragen en uitkeringen. Nettorentelasten en overige lasten met betrekking tot toegezegde pensioenregelingen worden verwerkt in het resultaat.
De Groep verantwoordt winsten of verliezen op de inperking of afwikkeling van een toegezegde-pensioenregeling op het moment dat de inperking of afwikkeling plaatsvindt. De winst of het verlies op inperking of afwikkeling omvat eventuele hieruit voortvloeiende wijzigingen in de reële waarde van de fondsbeleggingen en wijzigingen in de contante waarde van de verplichting uit hoofde van toegezegde pensioenrechten en pensioenkosten van verstreken diensttijd die nog niet eerder waren opgenomen.
Belgische toegezegde bijdrageregelingen vallen onder toepassingsgebied van de Wet van 28 april 2003 op de aanvullende pensioenen, kort WAP genoemd. Volgens artikel 24 van deze wet is de werkgever verplicht een minimum rendement van 3,75% op de persoonlijke bijdragen van de werknemer en 3,25% op de bijdragen van de werkgever te garanderen. Artikel 24 van de WAP verplicht de werkgever om op datum van de beëindiging van het plan de bijdragen gekapitaliseerd aan voornoemde vooropgestelde rendementen te garanderen en dit voor stortingen tot en met 31/12/2015. Vanaf januari 2016 dient de werkgever een gemiddeld minimum rendement van 1,75% te garanderen op zowel werknemersbijdragen als werkgeversbijdragen (zoals gewijzigd door de Wet van 18 december 2015). Deze minimum rendementsgarantie overtreft over het algemeen het rendement dat gegarandeerd wordt door de verzekeringsmaatschappij. Aangezien de werkgever verplicht wordt een minimum rendement te garanderen, worden niet alle actuariële en investeringsrisico's overgedragen naar de verzekeringsmaatschappijen die deze plannen beheren. Bijgevolg voldoen deze plannen niet aan de definitie van toegezegde bijdragenregeling zoals opgenomen in IFRS en worden ze als een te bereiken doel plan geclassificeerd. Een actuariële berekening in overeenstemming met IAS 19 gebaseerd op de 'projected unit credit (PUC)'-methode wordt uitgevoerd in dit verband.
Ontslagvergoedingen worden opgenomen als een last als de Groep zich op basis van een gedetailleerd formeel plan aantoonbaar heeft verbonden tot de beëindiging van het dienstverband van een werknemer of een groep werknemers vóór de gebruikelijke pensioendatum, zonder realistische mogelijkheid tot intrekking van dat plan. Dit is tevens het geval als de Groep ontslagvergoedingen aanbiedt en zo (een groep) werknemers stimuleert vrijwillig te vertrekken. Ontslagvergoedingen voor vrijwillig ontslag worden opgenomen als een last als de Groep een aanbod heeft gedaan tot vrijwillig ontslag, als het waarschijnlijk is dat dit aanbod zal worden aangenomen en als het aantal werknemers dat van het aanbod gebruik zal maken betrouwbaar kan worden bepaald. Als ontslagvergoedingen meer dan twaalf maanden na afloop van de verslagdatum betaalbaar zijn, dan worden deze gedisconteerd tot hun contante waarde.
Korte termijn personeelsbeloningen worden zonder verdiscontering gewaardeerd en opgenomen wanneer de daarmee verband houdende dienst wordt verricht. Er wordt een verplichting verantwoord voor het bedrag dat naar verwachting ten gevolge van een kortetermijnbonus in contanten of een winstdelingsregeling zal worden uitbetaald indien de Groep een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft als gevolg van verstreken diensttijd van werknemers en indien deze verplichting betrouwbaar kan worden bepaald.
De reële waarde op toekenningsdatum van in eigen vermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingstransacties aan personeelsleden wordt opgenomen als een personeelslast, met een overeenkomstige verhoging van het eigen vermogen, verdeeld over de periode waarin de werknemers onvoorwaardelijk recht krijgen op de opties. Het als last op te nemen bedrag wordt aangepast voor het aantal opties waarvoor naar verwachting zal worden voldaan aan de betreffende dienstverleningsvoorwaarden en nietmarkt gerelateerde voorwaarden van onvoorwaardelijk worden, zodanig dat het uiteindelijk als last opgenomen bedrag gebaseerd is op het aantal opties waarvoor op de datum waarop de toekenning onvoorwaardelijk wordt daadwerkelijk is voldaan aan de betreffende voorwaarden.
Een voorziening wordt in de balans opgenomen wanneer de Groep een verplichting heeft (in rechte afdwingbaar of feitelijk) als gevolg van gebeurtenissen in het verleden, en wanneer het waarschijnlijk is dat voor de afwikkeling van de verplichting een uitstroom van middelen noodzakelijk is. Indien het effect belangrijk is, worden voorzieningen aangelegd door de toekomstige verwachte kasstromen te verdisconteren aan een rentevoet voor belastingen die zowel de huidige marktbeoordelingen van de tijdwaarde van geld weerspiegelt als, waar nodig, de specifieke risico's verbonden aan de verplichting.
Herstructureringsvoorzieningen worden aangelegd wanneer de Groep een gedetailleerd en geformaliseerd herstructureringsplan heeft goedgekeurd, en wanneer de herstructurering ofwel reeds is aangevat ofwel publiekelijk bekend is gemaakt. Er wordt geen voorziening aangelegd voor toekomstige exploitatiekosten.
Een voorziening voor verlieslatende contracten wordt geboekt wanneer het voordeel dat de Groep uit een contract verwacht te halen lager is dan de onvermijdelijke kosten die verbonden zijn aan de naleving van het contract. De provisie wordt gewaardeerd aan de huidige waarde van het laagste van de verwachte kost om het contract te verbreken en van de verwachte kost om het contract verder te zetten. Voordat een voorziening wordt getroffen, verwerkt de Groep eerst een eventueel bijzonder waardeverminderingsverlies op de activa die gerelateerd zijn aan het contract.
De Groep en of haar joint ventures verwerven inkomsten van bevrachters als gevolg van het gebruik van haar activa. Deze activa worden bevracht als gevolg van reis/ spot contracten, tijdsbevrachtingscontracten of "bareboat" contracten. Voor reis/spot charters wordt een contract afgesloten in de spotmarkt voor het gebruik van een actief voor een specifieke reis tegen een contractueel afgesproken tarief per getransporteerde metrieke ton. Voor tijdbevrachtings charters of "bareboat" charters wordt een overeenkomst aangegaan voor het gebruik van een actief voor een specifieke termijn tegen een contractueel overeengekomen maandelijks of dagelijks tarief. Opbrengsten worden erkend op een lineaire basis over de looptijd van elke reis, tijdbevrachtings of "bareboat" charter. Facturen en gerelateerde betalingstermijnen zijn afhankelijk van de individuele contractuele voorwaarden.
Opbrengsten uit de verkoop van activa worden in de resultatenrekening opgenomen wanneer de controle van de goederen onderliggend aan de betreffende prestatieverplichting overgedragen wordt aan de klant. Voor de verkoop van een schip wordt de controle overgedragen aan de klant op het moment dat het schip geleverd wordt aan de klant. Facturen en gerelateerde betalingstermijnen zijn afhankelijk van de individuele contractuele voorwaarden.
Opbrengsten van de levering van diensten wordt in de resultatenrekening opgenomen in overeenstemming met het stadium van voltooiing van de transactie op balansdatum. Facturen en gerelateerde betalingstermijnen zijn afhankelijk van de individuele contractuele voorwaarden.
Er worden geen opbrengsten geboekt wanneer er belangrijke onzekerheden bestaan met betrekking tot de ontvangst van de overeengekomen vergoeding en gerelateerde transactiekosten.
Wanneer de Groep bij een transactie als tussenpersoon (agent) optreedt in plaats van als hoofdpartij, zijn de verwerkte opbrengsten het nettobedrag van de commissies waarop de Groep recht heeft.
Huuropbrengsten uit vastgoedbeleggingen worden op lineaire basis, gespreid over de huurperiode, in resultaat genomen.
De Groep heeft IFRS 16 toegepast vanaf 1 januari 2019 gebruik makend van de "modified retrospective" methode. Bijgevolg werden de vergelijkende cijfers voor 2018 niet herwerkt – deze werden zoals eerder gerapporteerd, opgesteld onder IAS 17 en IFRIC 4. De details van de waarderingsregels onder IAS 17 en IFRIC 4 worden apart toegelicht.
Bij de start van een overeenkomst bepaalt de Groep of de overeenkomst een leasingcontract is of omvat. Een contract is of bevat een leasingcontract wanneer het contract een recht bevat om een geïdentificeerd actief te controleren voor een bepaalde periode in ruil voor een vergoeding. Om te beoordelen of een contract een recht bevat om een geïdentificeerd actief te controleren, gebruikt de Groep de definitie van IFRS 16. Deze procedure is van toepassing voor contracten aangegaan vanaf 1 januari 2019.
Bij aanvang of bij wijziging van een contract welke een leasingcomponent omvat, zal de Groep de vergoeding in het contract verdelen over de leasingcomponent en de niet-leasingcomponent op basis van hun relatieve op zichzelf staande prijzen.
De Groep erkent een recht-op-gebruik (right-of-use asset) en een leaseverplichting bij de start van het leasing contract. Het gebruiksrecht wordt initieel gewaardeerd aan kostprijs, deze kostprijs omvat het initiële bedrag van de leaseverplichting aangepast voor leasebetalingen gedaan op of voor de startdatum van de lease vermeerderd met direct toewijsbare kosten en ingeschatte kosten om het gerelateerde actief af te breken of te verwijderen of om het gerelateerde actief te herstellen of de locatie waar het actief zich bevindt in zijn oorspronkelijke staat te herstellen. Lease incentives welke door de Groep verkregen werden dienen in mindering van de kostprijs gebracht te worden.
Het recht-op-gebruik (right-of-use asset) wordt vervolgens afgeschreven volgens de lineaire methode vanaf de start van het leasingcontract tot de einddatum van het leasingcontract, tenzij het leasingcontract eigendom transfereert op het einde van de leasetermijn of de kostprijs van het rechtop-gebruik het uitoefenen van een aankoopoptie door de Groep weerspiegelt. In dit geval wordt het recht-op-gebruik (right-of-use asset) afgeschreven over de geschatte gebruiksduur van het actief, welke bepaald wordt op dezelfde manier als deze van andere bedrijfsmiddelen. Additioneel wordt het recht-op-gebruik (right-of-use asset) verminderd met waardeverminderingen indien van toepassing en aangepast voor bepaalde herwaarderingen van de leaseverplichting.
De leaseverplichting wordt initieel gewaardeerd aan de contante waarde van de toekomstige leasebetalingen op de startdatum van het leasingcontract, verdisconteerd aan het impliciete intrestpercentage van het leasingcontract of wanneer dit percentage niet kan bepaald worden, dan gebruikt de Groep haar marginale rentevoet als verdisconteringspercentage. Algemeen gesteld gebruikt de Groep haar marginale rentevoet als verdisconteringspercentage.
De marginale rentevoet wordt bepaald door rentevoeten te bekomen van verschillende externe financieringsbronnen en bepaalde aanpassingen te doen in het kader van de voorwaarden van het leasingcontract en het type actief.
Leasebetalingen opgenomen in de waardering van de leaseverplichting omvatten het volgende:
De leaseverplichting wordt gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs volgens de effectieve intrestmethode. De leaseverplichting wordt geherwaardeerd wanneer er een wijziging is in toekomstige leasebetalingen als gevolg van een wijziging in index of tarief, een wijziging in het geschatte bedrag te betalen onder een restwaardegarantie of indien van toepassing, wijzigingen in de inschattingen van uitoefeningen van aankoopopties, verlengopties of beëindigingsopties of wanneer er een aanpassing is van in hoofdzaak vaste lease betalingen.
Wanneer er een aanpassing is van de leaseverplichting in bovenstaand verband, dan wordt een corresponderende aanpassing gedaan aan de boekwaarde van recht-op-gebruik (right-of-use asset) of gebeurt er een registratie in het overzicht van gerealiseerde resultaten wanneer het recht-op-gebruik verminderd werd tot nul.
De Groep presenteert het recht-op-gebruik (right-of-use asset) apart in de geconsolideerde balans en de leaseverplichtingen zijn opgenomen binnen rentedragende leningen.
Korte termijn leasingcontracten en leasingcontracten met immateriële waarden De Groep heeft ervoor geopteerd om geen recht-op-gebruik (rightof-use asset) en gerelateerde leaseverplichting te erkennen voor korte termijn leasingcontracten en leasingcontracten met immateriële waarde. De Groep erkent de gerelateerde leasebetalingen als een kost volgens de lineaire methode over de leasingtermijn.
Bij aanvang of bij wijziging van een contract welke een leasingcomponent omvat, zal de Groep de vergoeding in het contract verdelen over de leasingcomponent en de niet-leasingcomponent op basis van hun relatieve op zichzelf staande prijzen.
Wanneer de Groep optreedt als leasinggever, dan bepaalt het bij de start van een leasingcontract of een leasingcontract een financiële of een operationele lease is.
Om de leasing classificatie te beoordelen, kijkt de Groep of alle risico's en voordelen binnen de Groep blijven. Wanneer dit het geval is, dan is het leasingcontract een financiële lease; wanneer dit niet het geval is, dan is het leasingcontract een operationele lease. Als deel van deze beoordeling houdt de Groep rekening met bepaalde indicatoren, waaronder of de lease betrekking heeft op het grootste gedeelte van de economische levensduur van het actief.
Wanneer een contract lease componenten en niet-lease componenten omvat, dan gebuikt de Groep IFRS 15 om de vergoeding toe te wijzen aan het contract.
De Groep erkent leasebetalingen ontvangen onder een operationeel leasingcontract als opbrengsten volgens de lineaire methode over de leasingtermijn van het contract.
Algemeen gesteld verschilden de waarderingsregels van toepassing op de Groep als leasinggever in de vergelijkende periode niet van IFRS 16.
Voor contracten afgesloten voor 1 januari 2019, beoordeelt de Groep of een overeenkomst een leasingcontract is of omvat gebaseerd op:
Geleasede activa waar substantieel alle risico's en voordelen van eigendom getransfereerd worden naar de Groep, worden geclassificeerd als financiële lease. De geleasede activa worden initieel gewaardeerd aan het laagste van de reële waarde en de huidige waarde van de minimale lease betalingen. Volgend op de initiële waardering, worden de geleasede activa gewaardeerd volgens de waarderingsregels van toepassing op dat actief.
Activa aangehouden onder andere leasingovereenkomsten worden gepresenteerd als operationele lease en worden niet erkend in de balans. Betalingen gedaan onder operationele leasingcontracten worden erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten volgens de lineaire methode over de leasingtermijn Ontvangen lease incentives worden erkend als onderdeel van de leasingkost over de leasingtermijn.
Wanneer de Groep optreedt als leasinggever, dan werd er bij de start van de leasingovereenkomst bepaald of het leasingcontract een operationele of een financiële lease was.
Om elke leasing te classificeren, maakte de Groep een algemene beoordeling of alle risico's en voordelen binnen de Groep bleven. Wanneer dit het geval is, dan is het leasingcontract een financiële lease; wanneer dit niet het geval is, dan is het leasingcontract een operationele lease. Als deel van deze beoordeling houdt de Groep rekening met bepaalde indicatoren, waaronder of de lease betrekking heeft op het grootste gedeelte van de economische levensduur van het actief.
Overheidssubsidies worden, zodra er redelijke zekerheid bestaat dat zij zullen worden ontvangen en dat de Groep zal voldoen aan de daaraan verbonden voorwaarden, bij eerste opname in de balans opgenomen als over te dragen opbrengsten en gewaardeerd tegen reële waarde en worden na eerste opname systematisch in de winst- en verliesrekening verantwoord als overige bedrijfsopbrengsten gedurende de gebruiksduur van het actief. Subsidies ter compensatie van door de Groep gemaakte kosten worden geboekt in de winst- en verliesrekening in de periode waarin de kosten erkend worden.
Financiële opbrengsten omvatten ontvangen intresten, dividenden, wisselkoersopbrengsten, opbrengsten uit de verkoop van overige investeringen en opbrengsten uit de wijziging van de reële waarde van financiële activa verwerkt via het overzicht van gerealiseerde resultaten. Intresten worden pro rata temporis in de winst- en verliesrekening opgenomen rekening houdend met de effectieve opbrengstvoet. Dividenden worden geboekt op het moment waarop ze worden toegekend.
De financiële kosten omvatten intresten op leningen, wisselkoersverliezen, verliezen uit de wijziging van de reële waarde van financiële instrumenten die opgenomen worden in de resultatenrekening, bijzondere waardeverminderingsverliezen op financiële activa en verliezen op afdekkingsverrichtingen die opgenomen worden in de resultatenrekening. Alle kosten met betrekking tot rentedragende leningen, met uitzondering van de financieringskosten die rechtstreeks toewijsbaar zijn aan het aankopen of gebruiksklaar maken van activa, worden in de resultatenrekening opgenomen op basis van de effectieve rentemethode.
Wisselkoerswinsten en wisselkoersverliezen worden netto gepresenteerd per munt als zijnde financiële opbrengsten of financiële kosten.
De belastingen op het resultaat van het boekjaar omvatten over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare en latente belastingen. Ze worden opgenomen in de winst- en verliesrekening, behalve wanneer ze gerelateerd zijn aan een bedrijfscombinatie of wanneer deze betrekking hebben op bestanddelen die rechtstreeks in het eigen vermogen of in het overzicht van niet gerealiseerde resultaten worden geboekt.
De verschuldigde en verrekenbare belastingen zijn de belastingen verschuldigd op de belastbare winst van het boekjaar, berekend volgens de belastingtarieven die gelden op datum van afsluiting van het boekjaar, en voorts ook de aanpassingen die betrekking hebben op de voorgaande boekjaren. Actuele belastingvorderingen en -verplichtingen worden uitsluitend gesaldeerd als aan bepaalde criteria wordt voldaan.
De latente belastingen worden berekend op alle tijdelijke verschillen tussen de boekwaarde en de fiscale waarde. Uitgestelde belastingen worden gewaardeerd op basis van de belastingtarieven die naar verwachting van toepassing zullen zijn bij afloop van de tijdelijke verschillen, op basis van belastingtarieven die op balansdatum zijn vastgesteld. De volgende tijdelijke verschillen worden niet voorzien: de initiële erkenning van goodwill, de initiële erkenning van activa of passiva in een transactie dat geen bedrijfscombinatie is en die geen invloed heeft op zowel boekhoudkundige winst als fiscale winst en verschillen met betrekking tot investeringen in deelnemingen, geassocieerde ondernemingen en joint ventures voor zover dat de Groep in staat is het tijdstip van de omdraaiing te beïnvloeden en het waarschijnlijk is dat deze zich niet zullen omkeren in de voorzienbare toekomst.
Actieve belastinglatenties worden enkel geboekt indien het voldoende zeker is dat het belastingkrediet en de niet gebruikte fiscale verliezen in de toekomst met belastbare winsten verrekend kunnen worden.
Actieve belastinglatenties worden verminderd zodra het niet langer waarschijnlijk is dat dit belastingvoordeel zich zal realiseren. Niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen worden op iedere verslagdatum opnieuw beoordeeld en worden opgenomen zodra het waarschijnlijk is dat er in de toekomst belastbare winsten beschikbaar zijn, waartegen ze kunnen worden gebruikt. Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden uitsluitend gesaldeerd als aan bepaalde criteria wordt voldaan.
In overeenstemming met IAS 12 wordt "tonnage tax" niet als inkomstenbelasting maar als overige kost opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Een segment is een onderdeel van de Groep met betrekking tot een operationele activiteit die inkomsten genereert en uitgaven maakt, met inbegrip van inkomsten en uitgaven afkomstig van transacties met andere segmenten van de Groep. Het operationele resultaat van de segmenten wordt op een regelmatige basis door de bedrijfsleiding bekeken om zo beslissingen te nemen met betrekking tot de allocatie van middelen en om de prestaties van een segment te beoordelen.
Het resultaat van een segment omvat alle opbrengsten en kosten die rechtstreeks door dit segment worden gegenereerd, inclusief het deel van de te alloceren opbrengsten en kosten die redelijkerwijs aan het segment kan worden toegewezen. De activa en passiva van een segment omvatten als minimum de activa en passiva dewelke periodiek gerapporteerd worden aan de "Chief operating decision maker", zijnde de CEO van de Groep en de overige leden van het directiecomité.
De investeringen van het segment omvatten de aankoopkost van materiële en immateriële vaste activa, met uitzondering van goodwill, voor de periode.
De Groep presenteert gewone en verwaterde winst per aandeel voor de gewone aandelen. De gewone winst per aandeel wordt bekomen door het resultaat toewijsbaar aan de gewone aandeelhouders te verdelen over het gewogen gemiddeld aantal aandelen over de periode, aangepast voor het gewogen gemiddelde aantal eigen aandelen. Verwaterde winst per aandeel wordt berekend door het resultaat toewijsbaar aan de gewone aandeelhouders en het gewogen gemiddeld aantal aandelen aan te passen met het effect van alle mogelijke verwateringen van de gewone aandelen zoals aandelenopties toegekend aan personeelsleden.
Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een component van de onderneming van de Groep, waarvan de activiteiten en kasstromen duidelijk te onderscheiden zijn van de rest van de Groep, en die een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografisch bedrijfsgebied vertegenwoordigt; deel uitmaakt van één gecoördineerd plan om een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografisch gebied af te stoten; of een dochteronderneming is die uitsluitend is overgenomen met de bedoeling te worden doorverkocht. De classificatie naar beëindigde bedrijfsactiviteiten vindt plaats bij verkoop of wanneer het onderdeel aan de criteria voldoet om aangehouden te worden voor verkoop. Wanneer een bedrijfsactiviteit geclassificeerd wordt als aangehouden voor verkoop, wordt de presentatie van de vergelijkende cijfers aangepast.
De onderneming blijft haar activiteiten beheren gebaseerd op de interne management rapportering volgens de proportionele consolidatie methode. De reconciliatie van de segmentrapportering met de geconsolideerde balans en het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten wordt weergegeven onder toelichting 3. Alle verschillen hebben betrekking op de toepassing van IFRS 11 gezamenlijke overeenkomsten, er zijn geen andere verschillen van toepassing.
De Groep heeft haar rapporteringssegmenten gewijzigd in 2019, de Groep heeft momenteel 3 rapporteringssegmenten. Deze segmenten weerspiegelen het niveau waarop de CEO en het directiecomité naar het bedrijf kijken en beslissingen nemen over de verdeling van middelen en andere operationele zaken. Deze segmenten leveren verschillende diensten en producten en worden afzonderlijk geleid.
De structuur van de Groep en het management is niet gebaseerd op geografische segmenten aangezien de vloot van de onderneming ingezet wordt op een wereldwijde basis.
De intra-segment opbrengsten hebben voornamelijk betrekking op verleende diensten met betrekking tot management activiteiten en bemanning van schepen.
Een belangrijke shipping klant Equinor (ex-Statoil) vertegenwoordigt 26% van de omzet van het shipping segment en 13,9% van de totale geconsolideerde inkomsten in 2019. Een andere belangrijke shipping klant Excelerate Energy Llc vertegenwoordigt 9% van de omzet van het shipping segment en 5% van de totale geconsolideerde inkomsten in 2019. Het resterend deel van de shipping inkomsten wordt vertegenwoordigd door 16 verschillende klanten. Gunvor vertegenwoordigt 35,8% van de omzet van het infrastructuur segment en 11,4% van de inkomsten van de EXMAR Groep in 2019. YPF vertegenwoordigt 24,8% van de omzet van het infrastructuur segment en 7,9% van de inkomsten van de EXMAR Groep in 2019. Er zijn geen andere klanten die meer dan 10% van EXMAR's segment omzet of geconsolideerde omzet vertegenwoordigen.
| CIJFERS PER SEGMENT 2019 | Shipping | Infrastructure | Onder steunende diensten |
Eliminaties | Totaal | |||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN | ||||||||
| Externe opbrengsten | 119.388 | 71.315 | 33.732 | 0 | 224.435 | |||
| Intra-segment opbrengsten | 3.040 | 468 | 7.892 | -11.400 | 0 | |||
| Totale opbrengsten | 122.428 | 71.783 | 41.624 | -11.400 | 224.435 | |||
| Externe opbrengsten uit verhuur van vastgoed | 0 | 0 | 611 | 0 | 611 | |||
| Intra-segment opbrengsten uit verhuur van vastgoed | 0 | 0 | 62 | -62 | 0 | |||
| Totale opbrengsten uit verhuur van vastgoed | 0 | 0 | 673 | -62 | 611 | |||
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 16 | 0 | 19.189 | 0 | 19.205 | |||
| Overige bedrijfsopbrengsten | 430 | 1.594 | 331 | 0 | 2.355 | |||
| BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 122.874 | 73.377 | 61.817 | -11.462 | 246.606 | |||
| BEDRIJFSRESULTAAT VOOR AFSCHRIJVINGEN EN WAAR DEVERMINDERINGEN (EBITDA) |
60.425 | 20.617 | 19.873 | 100.915 | ||||
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -45.976 | -18.650 | -1.912 | -66.538 | ||||
| BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT) | 14.449 | 1.967 | 17.961 | 0 | 34.377 | |||
| Intrestopbrengsten (niet-interco) | 2.855 | 1.229 | 233 | 4.317 | ||||
| Intrestopbrengsten interco | 771 | 550 | 26.557 | -27.878 | 0 | |||
| Intrestkosten (niet-interco) | -21.034 | -21.115 | -716 | -42.865 | ||||
| Intrestkosten interco | -2.038 | -24.985 | -855 | 27.878 | 0 | |||
| Overige financiële opbrengsten | 691 | 1.812 | 1.419 | 3.922 | ||||
| Overige financiële kosten | -2.752 | -4.430 | -1.517 | -8.699 | ||||
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en joint ventures, na belastingen |
0 | 322 | -125 | 197 | ||||
| Belastingen op het resultaat | -139 | -509 | -3.804 | -4.452 | ||||
| SEGMENT RESULTAAT VOOR DE PERIODE | -7.197 | -45.159 | 39.153 | 0 | -13.202 | |||
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | -13.202 | |||||||
| Minderheidsbelang | 16 | |||||||
| AANDEELHOUDERS VAN DE VENNOOTSCHAP | -13.219 |
| Shipping | Infrastructure | Onder steunende diensten |
Eliminaties | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|
| BALANS | |||||
| ACTIVA | |||||
| Schepen | 487.839 | 466.095 | 0 | 953.934 | |
| Overige materiële vaste activa | 393 | 123 | 1.281 | 1.797 | |
| Immateriële activa | 0 | 0 | 195 | 195 | |
| Gebruiksrechten | 33.613 | 2.617 | 2.594 | 38.824 | |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 3.741 | 0 | 5.119 | 8.860 | |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 0 | 7.396 | 0 | 7.396 | |
| Afgeleide financiële instrumenten (lange termijn) | 175 | 0 | 0 | 175 | |
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | 13.279 | 0 | 0 | 13.279 | |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 1.733 | 67.270 | 0 | 69.003 | |
| Kas en kasequivalenten | 25.733 | 11.651 | 39.859 | 77.243 | |
| TOTAAL SEGMENT ACTIVA | 566.506 | 555.152 | 49.048 | 0 | 1.170.706 |
| Niet toegewezen overige investeringen | 4.170 | ||||
| Niet toegewezen handels- en overige vorderingen | 53.362 | ||||
| Niet toegewezen overige activa | 1.368 | ||||
| TOTALE ACTIVA | 1.229.606 | ||||
| VERPLICHTINGEN | |||||
| Rentedragende leningen lange termijn | 363.696 | 217.677 | 1.789 | 583.162 | |
| Rentedragende leningen korte termijn | 73.329 | 30.430 | 22.903 | 126.662 | |
| Provisies (lange termijn) | 0 | 1.733 | 0 | 1.733 | |
| Afgeleide financiële instrumenten (lange termijn) | 153 | 0 | 0 | 153 | |
| TOTAAL SEGMENT VERPLICHTINGEN | 437.178 | 249.840 | 24.692 | 0 | 711.710 |
| Niet toegewezen eigen vermogen | 448.940 | ||||
| Niet toegewezen handels- en overige schulden | 62.243 | ||||
| Niet toegewezen overige verplichtingen | 6.713 | ||||
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 1.229.606 | ||||
| KASSTROOMOVERZICHT | |||||
| Kasstroom uit bedrijfsactiviteit | 37.903 | -25.773 | 33.453 | 45.583 | |
| Kasstroom uit investeringsactiviteit | -1.349 | -11.029 | 18.468 | 6.090 | |
| Kasstroom uit financieringsactiviteit | -15.297 | -64.955 | 29.954 | -50.298 | |
| Dividenduitkering/ontvangen dividend | 0 | ||||
| Wisselkoersfluctuatie | -481 | ||||
| TOTALE KASSTROOM | 21.257 | -101.757 | 81.875 | 0 | 894 |
| BIJKOMENDE INFORMATIE |
| Investeringen | -1.349 | -12.029 | -336 | -13.714 |
|---|---|---|---|---|
| Inkomsten uit verkoop | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Shipping | Infrastructure | Onder steunende diensten |
Eliminaties | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|
| GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN | |||||
| Externe opbrengsten | 112.844 | 29.886 | 27.671 | 0 | 170.401 |
| Intra-segment opbrengsten | 1.549 | 2.189 | 8.878 | -12.616 | 0 |
| Totale opbrengsten | 114.393 | 32.075 | 36.549 | -12.616 | 170.401 |
| Externe opbrengsten uit verhuur van vastgoed | 0 | 0 | 1.200 | 0 | 1.200 |
| Intra-segment opbrengsten uit verhuur van vastgoed | 0 | 0 | 130 | -130 | 0 |
| Totale opbrengsten uit verhuur van vastgoed | 0 | 0 | 1.330 | -130 | 1.200 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 31.824 | 14 | 26 | 0 | 31.864 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 672 | 7.454 | 503 | 0 | 8.629 |
| Overige bedrijfsopbrengsten intra-segment | 0 | 551 | 0 | -551 | 0 |
| Totale overige bedrijfsopbrengsten | 672 | 8.005 | 503 | -551 | 8.629 |
| BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 146.889 | 40.094 | 38.408 | -13.297 | 212.094 |
| BEDRIJFSRESULTAAT VOOR AFSCHRIJVINGEN EN WAAR DEVERMINDERINGEN (EBITDA) |
67.977 | 716 | -1.322 | 67.371 | |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -30.086 | -14.123 | -1.145 | -45.354 | |
| BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT) | 37.891 | -13.407 | -2.467 | 0 | 22.017 |
| Intrestopbrengsten (niet-interco) | 1.602 | 1.532 | 152 | 3.286 | |
| Intrestopbrengsten interco | 708 | 446 | 22.865 | -24.019 | 0 |
| Intrestkosten (niet-interco) | -17.207 | -18.346 | -356 | -35.909 | |
| Intrestkosten interco | -2.709 | -19.994 | -1.316 | 24.019 | 0 |
| Overige financiële opbrengsten | 526 | 5.340 | 1.446 | 7.312 | |
| Overige financiële kosten | -1.802 | -5.898 | -3.596 | -11.296 | |
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en joint ventures, na belastingen |
0 | 1.050 | -412 | 638 | |
| Belastingen op het resultaat | -71 | 0 | -2.047 | -2.118 | |
| SEGMENT RESULTAAT VOOR DE PERIODE | 18.938 | -49.277 | 14.269 | 0 | -16.070 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | -16.070 | ||||
| Minderheidsbelang | -157 | ||||
| AANDEELHOUDERS VAN DE VENNOOTSCHAP | -15.913 |
| ACTIVA | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Schepen | 492.853 | 469.683 | 0 | 962.536 | |
| Overige materiële vaste activa | 228 | 400 | 1.430 | 2.058 | |
| Immateriële activa | 0 | 160 | 402 | 562 | |
| Vastgoedbeleggingen | 0 | 0 | 8.454 | 8.454 | |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 0 | 4.637 | 4.413 | 9.050 | |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 0 | 3.948 | 0 | 3.948 | |
| Afgeleide financiële instrumenten (lange termijn) | 3.150 | 0 | 0 | 3.150 | |
| Afgeleide financiële instrumenten (korte termijn) | 358 | 0 | 0 | 358 | |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 1.695 | 67.270 | 0 | 68.965 | |
| Kas en kasequivalenten | 39.299 | 11.051 | 26.000 | 76.350 | |
| TOTAAL SEGMENT ACTIVA | 537.583 | 557.149 | 40.699 | 0 | 1.135.431 |
| Niet toegewezen overige investeringen | 4.022 | ||||
| Niet toegewezen handels- en overige vorderingen | 88.355 | ||||
| Niet toegewezen overige activa | 201 | ||||
| TOTALE ACTIVA | 1.228.008 | ||||
| VERPLICHTINGEN | |||||
| Rentedragende leningen lange termijn | 311.639 | 158.057 | 8.787 | 478.483 | |
| Rentedragende leningen korte termijn | 82.083 | 142.591 | 883 | 225.557 | |
| TOTAAL SEGMENT VERPLICHTINGEN | 393.722 | 300.648 | 9.670 | 0 | 704.040 |
| Niet toegewezen eigen vermogen | 462.763 | ||||
| Niet toegewezen handels- en overige schulden | 54.666 | ||||
| Niet toegewezen overige verplichtingen | 6.539 |
TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN 1.228.008
EXMAR VERSLAG 2019
| SEGMENT REPORTING 2018 | Shipping | Infrastructure | Onder steunende diensten |
Eliminaties | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| KASSTROOMOVERZICHT | |||||
| Kasstroom uit bedrijfsactiviteit Kasstroom uit investeringsactiviteit Kasstroom uit financieringsactiviteit Dividenduitkering/ontvangen dividend Wisselkoersfluctuatie TOTALE KASSTROOM |
20.985 1.449 28.151 50.585 |
-41.460 -14.491 -17.803 -73.754 |
25.707 -139 267 25.835 |
0 | 5.232 -13.181 10.615 0 -1.186 1.480 |
| BIJKOMENDE INFORMATIE | |||||
| Investeringen Inkomsten uit verkoop |
-82.666 2.177 |
-18.841 0 |
-299 81 |
-101.806 2.258 |
De onderneming blijft haar activiteiten beheren gebaseerd op de interne management rapportering volgens de proportionele consolidatie methode. De onderstaande tabellen reconcilieren de financiële informatie zoals weergegeven in de geconsolideerde balans en in het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten (dewelke opgesteld werden in overeenstemming met IFRS 11 volgens de vermogensmutatiemethode) met de financiële informatie weergegeven in toelichting 2 segmentrapportering (dewelke werden opgesteld volgens de proportionele consolidatiemethode).
| Proportionele consolidatie |
Verschil | Vermogensmutatie Methode |
|
|---|---|---|---|
| RECONCILIATIE GECONSOLIDEERDE BALANS MET PROPORTIONELE CONSOLIDATIE (SEGMENTRAPPORTERING) | |||
| 31 DECEMBER 2019 | |||
| Schepen | 953.934 | -377.329 | 576.605 |
| Andere materiële vaste activa | 1.797 | 0 | 1.797 |
| Immateriële activa | 195 | 0 | 195 |
| Gebruiksrechten | 38.824 | -32.714 | 6.111 |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 8.860 | 86.697 | 95.557 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 7.396 | 42.084 | 49.479 |
| Afgeleide financiële instrumenten | 175 | -175 | 0 |
| VASTE ACTIVA | 1.011.181 | -281.436 | 729.745 |
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | 13.279 | -2.279 | 11.000 |
| Overige investeringen | 4.170 | 0 | 4.170 |
| Handels- en overige vorderingen | 53.362 | -9.759 | 43.603 |
| Actuele belastingsvorderingen | 1.368 | -14 | 1.353 |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 69.003 | -1.733 | 67.270 |
| Kas en kasequivalenten | 77.243 | -24.617 | 52.626 |
| VLOTTENDE ACTIVA | 218.425 | -38.403 | 180.022 |
| TOTALE ACTIVA | 1.229.606 | -319.839 | 909.767 |
| EIGEN VERMOGEN | 448.940 | 0 | 448.940 |
| Rentedragende leningen | 583.162 | -259.581 | 323.582 |
| Personeelsbeloningen | 1.597 | 0 | 1.597 |
| Provisies | 1.733 | -1.733 | 0 |
| Afgeleide financiële instrumenten | 153 | -153 | 0 |
| VERPLICHTINGEN OP LANGE TERMIJN | 586.645 | -261.466 | 325.179 |
| Rentedragende leningen | 126.662 | -44.810 | 81.851 |
| Handels- en overige schulden | 62.243 | -13.562 | 48.681 |
| Te betalen winstbelastingen | 5.116 | 0 | 5.116 |
| VERPLICHTINGEN OP KORTE TERMIJN | 194.021 | -58.372 | 135.649 |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 1.229.606 | -319.839 | 909.767 |
| Proportionele consolidatie |
Verschil | Vermogensmutatie Methode |
|
|---|---|---|---|
| RECONCILIATIE GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN MET PROPORTIONELE CONSOLIDATIE (SEGMENTRAPPORTERING) |
|||
| 31 DECEMBER 2019 | |||
| Opbrengsten | 225.046 | -88.321 | 136.726 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 19.205 | 0 | 19.205 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 2.355 | -39 | 2.315 |
| Operationele kosten van schepen | -79.011 | 32.082 | -46.928 |
| Algemene en administratieve kosten | -31.248 | 903 | -30.345 |
| Personeelskosten | -33.175 | 44 | -33.131 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -66.538 | 34.628 | -31.910 |
| Voorzieningen | -1.733 | 1.733 | 0 |
| Verlies gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | -524 | 0 | -524 |
| RESULTAAT UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 34.377 | -18.970 | 15.407 |
| Intrestopbrengsten | 4.317 | 113 | 4.430 |
| Intrestkosten | -42.865 | 16.255 | -26.611 |
| Andere financiële opbrengsten | 3.922 | -106 | 3.816 |
| Andere financiële kosten | -8.699 | 1.029 | -7.670 |
| Intrestopbrengsten | 4.317 | 113 | 4.430 |
|---|---|---|---|
| Intrestkosten | -42.865 | 16.255 | -26.611 |
| Andere financiële opbrengsten | 3.922 | -106 | 3.816 |
| Andere financiële kosten | -8.699 | 1.029 | -7.670 |
| RESULTAAT VOOR BELASTINGEN EN VOOR AANDEEL IN HET RESULTAAT VAN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES |
-8.948 | -1.679 | -10.627 |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen en joint ventures, na belastingen |
197 | 1.560 | 1.757 |
| Belastingen op het resultaat | -4.452 | 119 | -4.332 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | -13.202 | 0 | -13.202 |
| Proportionele consolidatie |
Verschil | Vermogensmutatie Methode |
|---|---|---|
| ------------------------------- | ---------- | ----------------------------- |
| 31 DECEMBER 2018 | |||
|---|---|---|---|
| Schepen | 962.536 | -398.113 | 564.423 |
| Andere materiële vaste activa | 2.058 | -26 | 2.032 |
| Immateriële activa | 562 | -157 | 405 |
| Vastgoedbeleggingen | 8.454 | -8.454 | 0 |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 9.050 | 95.440 | 104.490 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 3.948 | 45.380 | 49.328 |
| Afgeleide financiële instrumenten | 3.150 | -3.150 | 0 |
| VASTE ACTIVA | 989.757 | -269.080 | 720.677 |
| Overige investeringen | 4.022 | 0 | 4.022 |
| Handels- en overige vorderingen | 88.355 | -16.010 | 72.345 |
| Afgeleide financiële instrumenten | 358 | -358 | 0 |
| Actuele belastingsvorderingen | 201 | -11 | 190 |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 68.965 | -1.695 | 67.270 |
| Kas en kasequivalenten | 76.350 | -36.513 | 39.837 |
| VLOTTENDE ACTIVA | 238.251 | -54.586 | 183.664 |
| TOTALE ACTIVA | 1.228.008 | -323.667 | 904.341 |
| EIGEN VERMOGEN | 462.763 | 0 | 462.763 |
| Rentedragende leningen | 478.483 | -257.274 | 221.209 |
| Personeelsbeloningen | 4.166 | 0 | 4.166 |
| VERPLICHTINGEN OP LANGE TERMIJN | 482.649 | -257.274 | 225.376 |
| Rentedragende leningen | 225.557 | -59.899 | 165.657 |
| Handels- en overige schulden | 54.666 | -6.483 | 48.183 |
| Te betalen winstbelastingen | 2.373 | -11 | 2.362 |
| VERPLICHTINGEN OP KORTE TERMIJN | 282.595 | -66.393 | 216.203 |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 1,228,008 | -323,667 | 904,341 |
| Proportionele consolidatie |
Verschil | Vermogensmutatie Methode |
|
|---|---|---|---|
| RECONCILIATIE GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN MET PROPORTIONELE CONSOLIDATIE (SEGMENTRAPPORTERING) |
|||
| 31 DECEMBER 2018 | |||
| Opbrengsten | 171.601 | -83.902 | 87.699 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 31.864 | -922 | 30.942 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 8.629 | 126 | 8.754 |
| Operationele kosten van schepen | -77.537 | 43.757 | -33.780 |
| Algemene en administratieve kosten | -33.898 | 976 | -32.922 |
| Personeelskosten | -34.374 | 80 | -34.294 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -45.354 | 26.335 | -19.019 |
| Voorzieningen | 2.360 | 0 | 2.360 |
| Verlies gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | -1.272 | 0 | -1.272 |
| RESULTAAT UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 22.017 | -13.550 | 8.467 |
| Intrestopbrengsten | 3.286 | -243 | 3.043 |
| Intrestkosten | -35.909 | 14.668 | -21.241 |
| Andere financiële opbrengsten | 7.312 | -313 | 6.999 |
| Andere financiële kosten | -11.296 | 1.486 | -9.810 |
| RESULTAAT VOOR BELASTINGEN EN VOOR AANDEEL IN HET RESULTAAT VAN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES |
-14.591 | 2.049 | -12.542 |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen en joint ventures, na belastingen |
638 | -2.242 | -1.603 |
| Belastingen op het resultaat | -2.118 | 193 | -1.925 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | -16.070 | 0 | -16.070 |
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| OPBRENGSTEN | ||
| Shipping segment Infrastructuur segment |
31.571 68.957 |
30.268 27.725 |
| Diensten segment | 36.198 | 29.705 |
| 136.726 | 87.699 |
De stijging in de opbrengsten in het infrastructuur segment wordt voornamelijk verklaard door de facturatie naar Gunvor dewelke gestart is in hat laastste kwartaal van 2018. De inkomsten ontvangen voor de TANGO FLNG sedert mei 2019 worden pas vanaf de aanvang van de operationele werkzaamheden in september in de verlies- en winstrekening opgenomen overeenkomstig IFRS 15.
De stijging in de opbrengsten van het Diensten segment wordt onder andere verklaard door het nieuwe contract voor het management van de drijvende opslag- en loseenheid (FSO) voor LPG NKOSSA II in Congo.
Opbrengsten binnen de scope van IAS 17/ IFRS 16 Leasing bedragen 37,6% van de totale omzet en zijn voornamelijk gesitueerd in het shipping segment. Opbrengsten binnen de scope van IFRS 15 Opbrengsten van contracten met klanten vertegenwoordigen 62,4% van de totale omzet en bevinden zich voornamelijk in het infrastructuur en diensten segment.
De belangrijkste shipping klant Equinor (ex-Statoil) vertegenwoordigt 41,5% van de omzet van het shipping segment en 9,64% van de totale geconsolideerde inkomsten in 2019. Gunvor vertegenwoordigt 37% van de omzet van het infrastructuur segment en 18,7% van de totale geconsolideerde inkomsten in 2019. YPF vertegenwoordigt 25,7% van de omzet van het infrastructuur segment en 13% van de totale geconsolideerde inkomsten in 2019. Er zijn geen andere klanten die meer dan 10% van EXMAR's geconsolideerde inkomsten van 2019 vertegenwoordigen.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| CONTRACT SALDO'S | ||
| Handelsvorderingen opgenomen in handels-en overige vorderingen | 26.574 | 21.469 |
| Contract activa opgenomen in handels-en overige vorderingen | 3.454 | 3.532 |
| Contract schulden opgenomen in handels- en overige schulden | 10.015 | 6.266 |
| 40.043 | 31.267 |
De contract activa hebben voornamelijk betrekking op de rechten van de Groep op vergoeding voor uitgevoerde nog niet gefactureerde prestaties op rapporteringsdatum. De contract activa worden getransfereerd naar de vorderingen wanneer de rechten van de Groep onvoorwaardelijk worden. De contract schulden hebben voornamelijk betrekking op opgemaakte facturen voor huurinkomsten van schepen (vooruitbetaalde huur).
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| WINST GEREALISEERD BIJ VERKOOP VAN VASTE ACTIVA | ||
| Verkoop joint ventures | 19.164 | 30.892 |
| Overige | 41 | 50 |
| 19.205 | 30.942 |
Op 29 juni 2019 heeft EXMAR haar 50% aandeel in RESLEA, eigenaar van de kantoorgebouwen in Antwerpen, verkocht aan Compagnie Maritime Belge ("CMB"). We verwijzen in dit verband verder naar toelichting 10. Op 31 januari 2018 heeft EXMAR haar 50% aandeel in EXCELSIOR BVBA verkocht aan Excelerate Energy LP.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| OVERIGE BEDRIJFSOPBRENGSTEN | ||
| Licentievergoeding | 1.498 | 3.410 |
| Afwikkelingsvergoeding | 0 | 4.000 |
| Overige | 817 | 1.344 |
| 2.315 | 8.754 |
Een licentievergoeding werd gefactureerd in het tweede semester van 2018 dewelke het recht vertegenwoordigt om EXMAR's ontwerp te gebruiken voor de bouw, oplevering, eigendom en uitbating van een EXMAR OPTI 11.000 drijvend half-afzinkbaar productieplatform voor olie en gas. Een gedeelte van deze licentievergoeding werd in resultaat genomen in het tweede semester van 2018, het resterende gedeelte werd in resultaat genomen gedurende 2019.
De afwikkelingsvergoeding in 2018 heeft betrekking op een dadingsovereenkomst tussen EXMAR en PT JAWA SATU POWER als gevolg van het onvermogen van de partijen om een overeenkomst te sluiten met betrekking tot EXMAR's betrokkenheid als FSRU partner en FSRU scheepsmanager.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| OPERATIONELE KOSTEN VAN SCHEPEN | ||
| -46.928 | -33.780 | |
| -46.928 | -33.780 |
Operationele kosten van schepen zijn kosten gemaakt om een schip te exploiteren. Operationele kosten van schepen omvatten kosten met betrekking tot bemanning (2019: USD 22.054), onderhoud (2019: KUSD 14.967), verzekering (2019: KUSD 3.259) en andere operationele kosten van schepen zoals bunkers, havenkosten,... (2019: KUSD: 6.648). De stijging in de operationele kosten met betrekking tot schepen wordt onder andere verklaard door kosten met betrekking tot bemanning en onderhoud voor de FSRU en de TFLNG.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| ALGEMENE EN ADMINISTRATIEVE KOSTEN | ||
| -30.345 | -32.922 | |
| -30.345 | -32.922 |
De algemene en administratieve kosten dalen met KUSD 2.577 in vergelijking met 2018, dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de implementatie van IFRS 16. Algemene en administratieve kosten omvatten onder andere administratieve kosten (2019: KUSD 27.499), niet op inkomsten gebaseerde belastingen (2019: KUSD 1.655) en overige kosten (2019: KUSD 1.191).
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| PERSONEELSKOSTEN | ||
| Lonen en salarissen | -27.152 | -27.626 |
| Sociale lasten | -4.803 | -4.825 |
| Personeelsbeloningen, toegezegde pensioenregelingen en toegezegde bijdrageregeling | -1.176 | -1.265 |
| Aandelenoptieplan | 0 | -578 |
| -33.131 | -34.294 | |
| PERSONEELSAANTAL | ||
| Zeevarenden | 2.124 | 1.784 |
| Niet-zeevarenden | 292 | 300 |
| 2.416 | 2.084 |
Het personeelsaantal vertegenwoordigt het effectief aantal mensen in dienst per einde van het boekjaar.
Een belangrijk deel van de zeevarenden zijn tewerkgesteld op activa van of uitgebaat door onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures, de gerelateerde kost is niet opgenomen in de personeelskosten van EXMAR zoals hierboven toegelicht maar weergegeven in de operationele kosten van onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures.
De personeelskosten dalen in vergelijking met 2018, voornamelijk als gevolg van gedaalde kosten met betrekking tot het aandelenoptieplan. We verwijzen in dit verband naar toelichting 26.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| INTRESTOPBRENGSTEN EN -KOSTEN | ||
| INTRESTOPBRENGSTEN | ||
| Intresten op leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 2.912 | 2.880 |
| Intresten uit kas en kasequivalenten | 1.518 | 163 |
| 4.430 | 3.043 | |
| INTRESTKOSTEN | ||
| Intrestkosten op rentedragende leningen | -26.611 | -21.241 |
| Intrestkosten uit financiële instrumenten | 0 | 0 |
| -26.611 | -21.241 |
De intrestopbrengsten op leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures hebben betrekking op te betalen intresten door deze geassocieerde ondernemingen en joint ventures op de leningen gegeven door EXMAR. We verwijzen naar toelichting 17 in dit verband.
Intrestkosten hebben betrekking op EXMAR's leningen, we verwijzen naar toelichting 25 in dit verband. Intrestkosten stegen in vergelijking met 2018, voornamelijk als gevolg van de implementatie van IFRS 16 en de volledige impact van de te betalen intresten op de TANGO FLNG faciliteit. In 2018 werd een deel van deze intresten gedragen door Wison.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| OVERIGE FINANCIËLE OPBRENGSTEN EN KOSTEN | ||
| OVERIGE FINANCIËLE OPBRENGSTEN | ||
| Gerealiseerde koersverschillen | 2.781 | 1.197 |
| Niet-gerealiseerde koersverschillen | 661 | 5.661 |
| Dividend van niet-geconsolideerde ondernemingen | 259 | 113 |
| Terugname waardevermindering voor Aandelen - gewaardeerd aan FVTPL | 92 | 0 |
| Overige | 22 | 28 |
| 3.816 | 6.999 | |
| OVERIGE FINANCIËLE KOSTEN | ||
| Gerealiseerde koersverschillen | -1.006 | -2.545 |
| Niet-gerealiseerde koersverschillen | -1.493 | -612 |
| Bankvergoedingen | -4.543 | -3.842 |
| Waardevermindering voor Aandelen - gewaardeerd aan FVTPL | 0 | -2.385 |
| Overige | -628 | -426 |
| -7.670 | -9.810 |
De niet-gerealiseerde koersverschillen (opbrengsten) in 2018 hebben voornamelijk betrekking op de herwaardering van de NOK obligatielening. In juni 2019 werd de volledige obligatielening van NOK 1 biljoen terugbetaald, hetgeen ondermeer de stijging in de gerealiseerde koersverschillen verklaart. Deze terugbetaling werd gedeeltelijk gefinancierd met de nieuwe obligatielening en gedeeltelijk met beschikbare middelen. De NOK/USD verhouding en het intrestrisico van de NOK obligatielening zijn niet ingedekt door financiële instrumenten. De kosten met betrekking tot aandelen gewaardeerd aan FVTPL hebben betrekking op de overige investeringen in toelichting 19.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| FINANCIËLE OPBRENGSTEN EN KOSTEN DIRECT OPGENOMEN IN HET EIGEN VERMOGEN | ||
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures, aandeel in niet-gerealiseerde resultaten | -3.555 | 204 |
| Omrekeningsverschillen | 409 | -878 |
| -3.146 | -674 | |
| Erkend in: | ||
| Omrekeningsreserve | 343 | -1.280 |
| Afdekkingsreserve | -3.486 | 607 |
| Minderheidsbelang | -3 | -1 |
| -3.146 | -674 |
In bepaalde van onze joint ventures werden interest rate swaps (IRS) contracten afgesloten om het variabel intrest risico in te dekken. De marktwaarden van deze IRS-contracten zijn significant gedaald ten opzichte van 2018, het effect van deze daling werd geregistreerd via de afdekkingsreserve.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| WINSTBELASTINGEN | ||
| Belastingen over het boekjaar | -4.633 | -1.865 |
| Correcties op voorgaande jaren | 301 | -60 |
| WINSTBELASTINGEN | -4.332 | -1.925 |
| UITGESTELDE WINSTBELASTING | 0 | 0 |
| -4.332 | -1.925 |
| 2019 | 2018 | |||
|---|---|---|---|---|
| AANSLUITING MET HET EFFECTIEVE BELASTINGTARIEF | ||||
| RESULTAAT VOOR BELASTINGEN | -8.870 | -14.145 | ||
| BELASTINGEN AAN NATIONAAL TARIEF | -29,58% | 2.624 -29,58% | 4.184 | |
| Aandeel in het resultaat van ondernemingen geconsolideerd | 520 | -474 | ||
| volgens de vermogensmutatie methode - belastingeffect | ||||
| Impact belastingtarieven in andere landen | -3.071 | -3.146 | ||
| Niet-aftrekbare kosten | -385 | -1.136 | ||
| Overige belastingen (*) | -813 | 0 | ||
| Verliezen van het boekjaar en belastingkredieten waarvoor geen uitgestelde belastingvordering werd opgezet |
-13.151 | -5.353 | ||
| Aanwending fiscaal overgedragen verliezen, belastingkredieten en overige taksvoordelen waar voor voordien geen uitgestelde belastingsvordering werd opgezet |
10.449 | 5.042 | ||
| Fiscaal vrijgestelde opbrengsten | -806 | -982 | ||
| Aanpassingen met betrekking tot voorgaande boekjaren | 301 | -60 | ||
| 48,83% | -4.332 13,61% | -1.925 |
(*) De overige belastingen hebben voornamelijk betrekking op lokale vennootschapsbelasting betaald in EXMAR Shipmanagement Congo (vaste inrichting van EXMAR Shipmanagement) met betrekking tot NKOSSA.
Op 29 juni 2019 heeft EXMAR haar 50% aandeel in RESLEA, eigenaar van de kantoorgebouwen in Antwerpen, verkocht aan Compagnie Maritime Belge ("CMB"). De investering in deze joint venture werd gedeconsolideerd. De verkoop resulteerde in een meerwaarde van USD 19,2 miljoen.
| Jaareinde 31/12/2019 | |
|---|---|
| A. ONTVANGEN VERGOEDING | |
| Ontvangen vergoeding in kas en kasequivalenten | 18.667 |
| Samenstelling van de ontvangen vergoeding | |
| Verkoop van een joint venture | 24.791 |
| Terugbetaling van een lening toegestaan door een joint venture aan EXMAR | -6.124 |
| 18.667 |
De verkoopprijs voor RESLEA bedraagt EUR 22,2 miljoen (USD 24,8 miljoen). Het verschil met de verkoopprijs gerapporteerd per 30/06/2019 heeft enerzijds betrekking op de aanpassing van de verkoopprijs als gevolg van het aangepaste eigen vermogen gebaseerd op finale cijfers per 30/06/2019 en anderzijds door wijzigingen in de EUR/USD wisselkoers.
Jaareinde 31/12/2019
85
B. MEERWAARDE OP DE VERKOOP VAN EEN JOINT VENTURE
Contractuele vergoeding 24.791 Boekwaarde van de verkochte joint venture -5.627
| 19.164 |
|---|
Op 31 januari 2018 heeft EXMAR haar aandeel van 50% in Excelsior BVBA (eigenaar van LNGRV Excelsior) verkocht aan Excelerate Energy LP. Per 31 december 2017 stond de investering in Excelsior gepresenteerd als een joint venture aangehouden voor verkoop. De investering in deze joint venture werd gedeconsolideerd. De verkoop resulteerde in een meerwaarde van USD 30,9 miljoen.
| Jaareinde 31/12/2018 | |
|---|---|
| A. ONTVANGEN VERGOEDING | |
| Ontvangen vergoeding in kas en kasequivalenten Samenstelling van de ontvangen vergoeding |
44.438 |
| Verkoop van een joint venture | 54.438 |
| Terugbetaling van een lening toegestaan door een joint venture aan EXMAR | -10.000 |
| 44.438 | |
| Jaareinde 31/12/2018 | |
| B. MEERWAARDE OP DE VERKOOP VAN EEN JOINT VENTURE | |
| Totale vergoeding | 44.438 |
| Terugbetaling van een lening toegestaan door een joint venture aan EXMAR | 10.000 |
| Boekwaarde van de verkochte joint venture | -23.546 |
| 30.892 |
| Shipping | Infrastructuur | Schepen in aan bouw - vooruit betalingen (*) |
Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2018 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2018 | 118.500 | 453.562 | 0 | 572.062 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Aankopen | 742 | 18.815 | 19.557 | |
| Verkopen Omrekeningsverschillen |
-270 0 |
0 0 |
-270 0 |
|
| SALDO PER 31 DECEMBER 2018 | 118.972 | 472.377 | 0 | 591.349 |
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2019 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2019 | 118.972 | 472.377 | 0 | 591.349 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Aankopen (**) | 5.353 | 13.736 | 15.470 | 34.559 |
| Verkopen Omrekeningsverschillen |
-2.378 0 |
0 0 |
0 0 |
-2.378 0 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2019 | 121.947 | 486.113 | 15.470 | 623.530 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2018 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2018 | 9.041 | 0 | 0 | 9.041 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Afschrijvingen | 5.983 | 12.172 | 18.155 | |
| Verkopen | -270 | 0 | -270 | |
| Omrekeningsverschillen SALDO PER 31 DECEMBER 2018 |
0 14.754 |
0 12.172 |
0 | 0 26.926 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2019 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2019 | 14.754 | 12.172 | 0 | 26.926 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Afschrijvingen | 6.200 | 16.177 | 22.377 | |
| Verkopen | -2.378 | 0 | -2.378 | |
| Omrekeningsverschillen | 0 | 0 | 0 | |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2019 | 18.576 | 28.349 | 0 | 46.925 |
| NETTO BOEKWAARDE | ||||
| NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2018 | 104.218 | 460.205 | 0 | 564.423 |
| NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2019 | 103.371 | 457.764 | 15.470 | 576.605 |
(*) De vooruitbetalingen met betrekking tot schepen in aanbouw werden gepresenteerd onder schepen in de geconsolideerde balans. De gedane vooruitbetalingen geven EXMAR geen eigendomsrechten voor de finale oplevering van het schip. De vooruitbetalingen gedaan gedurende 2019 hebben betrekking op 2 VLGC-schepen met LPG als brandstof. De levering van deze twee schepen wordt verwacht in het tweede kwartaal van 2021.
(**) Gedurende 2019 werden er extra investeringen uitgevoerd met betrekking tot de TANGO FLNG en de FSRU. Afschrijvingen aangaande beide units zijn gestart in 2018, ze worden afgeschreven over een periode van 30 jaar. De investeringen in het shipping segment hebben voornamelijk betrekking op gekapitaliseerde droogdokkosten.
De schepen werden in pand gegeven als zekerheid voor de onderliggende schulden. We verwijzen naar toelichting 25 voor meer informatie met betrekking tot deze onderliggende schulden.
Voor de schepen welke in volle eigendom worden aangehouden, werden interne en externe aanwijzingen geëvalueerd dewelke aangeven dat de vloot al dan niet getest dient te worden op het bestaan van een mogelijke waardevermindering. De boekwaarde van de vloot wordt vergeleken met de realiseerbare waarde van de vloot, dewelke de hoogste waarde is van de reële waarde verminderd met de verkoopkosten en de gebruikswaarde.
De reële waarde verminderd met de verkoopkosten is gebaseerd op de gemiddelde reële waarde zoals vastgesteld door twee onafhankelijke
scheepsmakelaars. De reële waarde wordt gecorrigeerd met een gemiddelde makelaarscommissie, dewelke betaald dient te worden bij verkoop van een schip. De gebruikswaarde is gebaseerd op de verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tot hun huidige waarde en rekening houdende met huidige marktverwachtingen met betrekking tot vrachttarieven, personeelskosten en operationele kosten. De kasstromen zijn gebaseerd op interne informatie en een gevoeligheidsanalyse wordt uitgevoerd op iedere assumptie. Het verdisconteerde kasstroommodel gebruikt door het management omvat kasstromen voor de resterende levensduur van de vloot. Kasstromen voor de eerste drie jaren worden ingeschat door het management zowel gebaseerd op ervaring uit het verleden als op huidige marktverwachtingen met betrekking tot volumes en vrachttarieven. Vrachttarieven en operationele kosten na deze periode van drie jaar worden verwacht te evolueren in lijn met de geschatte inflatie. De gebruikte verdisconteringsvoet is een gewogen gemiddelde kapitaalkost van 5,76% voor het shipping segment en 3,93% voor het infrastructuur segment.
Voor de FSRU werd een reële waarde bekomen gebaseerd op een waarderingsrapport van een onafhankelijke scheepsmakelaar. Gebaseerd op dit rapport en op de verwachte opbrengsten onder toekomstige tewerkstelling, heeft het management geconcludeerd dat er geen bijzondere waardevermindering noodzakelijk is voor de FSRU.
Voor de schepen welke in gezamenlijke eigendom worden aangehouden, werden interne en externe aanwijzingen voor een bijzondere waardevermindering geëvalueerd gelijkaardig als voor de vloot in volle eigendom. We verwijzen in dit verband naar toelichting 15.
| Terreinen en gebouwen |
Machines en uitrusting |
Meubilair en installatie |
Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2018 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2018 Mutaties tijdens het boekjaar |
4.216 | 1.166 | 5.308 | 10.690 |
| Aanschaffingen Verkopen / buitengebruikstellingen |
0 0 |
168 0 |
275 -510 |
443 -510 |
| Omrekeningsverschillen SALDO PER 31 DECEMBER 2018 |
-191 4.025 |
-9 1.325 |
-106 4.967 |
-306 10.317 |
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2019 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2019 | 4.025 | 1.325 | 4.967 | 10.317 |
| Mutaties tijdens het boekjaar Aanschaffingen Verkopen / buitengebruikstellingen Omrekeningsverschillen |
0 0 -76 |
74 -2 2 |
262 -558 -38 |
336 -561 -112 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2019 | 3.949 | 1.399 | 4.633 | 9.980 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2018 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2018 Mutaties tijdens het boekjaar |
3.400 | 931 | 4.036 | 8.367 |
| Afschrijvingen Verkopen / buitengebruikstellingen |
31 0 |
176 0 |
428 -469 |
635 -469 |
| Omrekeningsverschillen SALDO PER 31 DECEMBER 2018 |
-155 3.276 |
-9 1.098 |
-84 3.911 |
-248 8.285 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2019 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2019 Mutaties tijdens het boekjaar |
3.276 | 1.098 | 3.911 | 8.285 |
| Afschrijvingen Verkopen / buitengebruikstellingen |
30 0 |
143 -2 |
376 -558 |
549 -561 |
| Omrekeningsverschillen SALDO PER 31 DECEMBER 2019 |
-62 3.244 |
2 1.241 |
-31 3.698 |
-90 8.183 |
| NETTO BOEKWAARDE | ||||
| NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2018 NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2019 |
749 704 |
227 158 |
1.056 935 |
2.032 1.797 |
| Concessies, octrooien, licenties, enz. |
|
|---|---|
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2018 | |
| SALDO PER 1 JANUARI 2018 Mutaties tijdens het boekjaar |
3.077 |
| Aanschaffingen Verkopen / buitengebruikstellingen |
34 0 |
| Omrekeningsverschillen SALDO PER 31 DECEMBER 2018 |
-63 3.048 |
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2019 | |
| SALDO PER 1 JANUARI 2019 Mutaties tijdens het boekjaar |
3.048 |
| Aanschaffingen Verkopen / buitengebruikstellingen |
122 -453 |
| Omrekeningsverschillen SALDO PER 31 DECEMBER 2019 |
-32 2.685 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2018 | |
| SALDO PER 1 JANUARI 2018 Mutaties tijdens het boekjaar |
2.465 |
| Afschrijvingen Verkopen / buitengebruikstellingen |
211 0 |
| Omrekeningsverschillen SALDO PER 31 DECEMBER 2018 |
-33 2.643 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2019 | |
| SALDO PER 1 JANUARI 2019 | 2.643 |
| Mutaties tijdens het boekjaar Afschrijvingen |
145 |
| Verkopen / buitengebruikstellingen Omrekeningsverschillen |
-267 -31 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2019 | 2.490 |
| NETTO BOEKWAARDE | |
| NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2018 NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2019 |
405 195 |
EXMAR Groep heeft voor de eerste maal IFRS 16 toegepast per 1 januari 2019. IFRS 16 schrapt de classificatie van leaseovereenkomsten tussen operationele en financiële leaseovereenkomsten voor de leasingnemer een introduceert één enkel model voor boekhoudkundige verwerking van leaseovereenkomsten voor de leasingnemer. Als gevolg daarvan heeft de Groep een recht-op-gebruik (right-of-use asset) en een leaseverplichting erkend om de onderliggende rechten en verplichtingen uit te drukken. De Groep heeft besloten om de "modified retrospective method" in overeenstemming met IFRS 16 toe te passen. Onder deze methode wordt het effect van initiële toepassing erkend in het eigen vermogen per 1 januari 2019, dit effect werd bepaald als zijnde nihil. Onder deze methode worden de cijfers van het voorgaande boekjaar niet herwerkt. We verwijzen in dit verband eveneens naar de waarderingsregels gedeelte E en toelichting 31.
| Gebouwen | Motor voertuigen |
IT materiaal | Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2019 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2019 Mutaties tijdens het boekjaar Aankopen () Verkopen / buitengebruikstellingen Omrekeningsverschillen Contract herwaardering/ contract aanpassing Transfer () SALDO PER 31 DECEMBER 2019 AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2019 |
5.529 172 -48 24 25 0 5.702 |
6.901 12.369 -73 0 -1 -17.166 2.030 |
596 0 0 0 29 0 625 |
13.026 12.541 -121 24 53 -17.166 8.357 |
| SALDO PER 1 JANUARI 2019 Mutaties tijdens het boekjaar Afschrijvingen Waardeverminderingen Omrekeningsverschillen Transfer (*) SALDO PER 31 DECEMBER 2019 NETTO BOEKWAARDE |
0 1.721 0 0 0 1.721 |
0 1.764 4.712 0 -6.166 310 |
0 215 0 0 0 215 |
0 3.700 4.712 0 -6.166 2.246 |
| NETTO BOEKWAARDE PER 01 JANUARI 2019 NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2019 |
5.529 3.981 |
6.901 1.720 |
596 410 |
13.026 6.111 |
(*) De wijziging in de gebruiksrechten met betrekking tot motorvoertuigen kan grotendeels verklaard worden door een contract modificatie voor een vliegtuig waarbij een aankoopverplichting tot uitdrukking werd gebracht. In de loop van 2019 werd een waardevermindering van USD 4,7 miljoen geregistreerd in het overzicht van gerealiseerde resultaten om de huidige marktwaarde van het actief te weerspiegelen. Per 31 december 2019 werd het vliegtuig gepresenteerd als vast actief aangehouden voor verkoop in de geconsolideerde balans. We verwijzen in dit verband eveneens naar toelichting 18 van dit jaarverslag.
(IN DUIZENDEN USD)
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| INVESTERINGEN IN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES | ||
| SALDO PER 1 JANUARI | 104.490 | 104.416 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||
| Aandeel in de winst/ het verlies (-) | 1.757 | -1.603 |
| Door de Groep ontvangen dividenden | -5.000 | -2.000 |
| Wijzigingen in consolidatie scope (*) | -5.359 | -938 |
| Toewijzing negatief eigen vermogen (**) | 3.224 | 4.691 |
| Omrekeningsverschillen | -69 | -403 |
| Wijzigingen in het geconsolideerd overzicht van niet-gerealiseerde resultaten van geassocieerde ondernemingen en joint ventures | -3.486 | 1.000 |
| Overige | 0 | -673 |
| SALDO PER 31 DECEMBER | 95.557 | 104.490 |
(*) De wijzigingen in de consolidatie scope in 2019 heeft betrekking op verkoop van RESLEA (we verwijzen in dit verband naar toelichting 10 voor meer informatie) en de verkoop van de BIM ondernemingen (Bureau International Maritime NV, Bureau International Maritime Congo and Compagnie Parisienne Formation et Logistique).
(**) De geassocieerde ondernemingen en joint ventures waarvan het aandeel in het eigen vermogen negatief is, worden toegewezen aan de andere componenten van het belang van de investeerder in de geassocieerde onderneming of joint venture. Wanneer het negatieve eigen vermogen dit belang overtreft, dan wordt een corresponderende verplichting geregistreerd in dit verband.
EXMAR heeft alle bestaande gezamenlijke overeenkomsten geanalyseerd en heeft hieruit geconcludeerd dat alle gezamenlijke overeenkomsten joint ventures betreffen en dit in overeenstemming met IFRS 11 "gezamenlijke overeenkomsten".
EXMAR heeft garanties geboden aan financiële instellingen dewelke financieringen hebben toegekend aan haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures. Per 31 december 2019, stond een bedrag van USD 543,4 miljoen (2018: USD 637,1 miljoen) open onder dergelijke financieringen, waarvan EXMAR USD 271,7 miljoen gegarandeerd heeft (2018: USD 318,5 miljoen). We verwijzen in dit verband eveneens naar toelichting 30. EXMAR heeft geen materiële voorwaardelijke verplichtingen ten opzichte van haar joint ventures en geassocieerde vennootschappen.
Als gevolg van wettelijke verplichtingen en financieringsovereenkomsten, kunnen onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures beperkt zijn in het betalen van dividenden of in het terugbetalen van aandeelhoudersleningen. Onder de financieringsovereenkomsten kunnen onze geassocieerde ondernemingen of joint ventures enkel een vergoeding uitkeren wanneer er geen convenanten worden geschonden. Onder het Wetboek van Vennootschappen kan er geen vergoeding van kapitaal plaats vinden wanneer het eigen vermogen lager is dan of als gevolg van de uitkering zou dalen onder, het gestorte kapitaal verhoogd met de onbeschikbare reserves.
Voor de schepen welke in gezamenlijke eigendom worden aangehouden, werden interne en externe aanwijzigingen voor een bijzondere waardevermindering geëvalueerd gelijkaardig als voor de vloot in volle eigendom. We verwijzen in dit verband naar toelichting 11. We verwijzen eveneens naar toelichting 38 Gebeurtenissen na balansdatum voor de geregistreerde waardevermindering met betrekking tot het schip TEMSE.
(IN DUIZENDEN USD)
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| ACTIVA | ||
| Investeringen in joint ventures Investeringen in geassocieerde ondernemingen |
86.697 8.860 |
96.679 7.811 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 49.979 145.536 |
54.203 158.693 |
| VERPLICHTINGEN | ||
| Investeringen in joint ventures | 0 | 0 |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen | 0 0 |
0 0 |
| Segment | JV partner | Beschrijving activiteiten | |
|---|---|---|---|
| JOINT VENTURES | |||
| Estrela Ltd | Infrastructuur | ASS | Eigenaar van het accommodatie platform NUNCE |
| EXMAR Gas Shipping Ltd | Shipping | TEEKAY LPG | Eigenaar van de midsize schepen TOURAINE en WEPION |
| EXMAR LPG BVBA | Shipping | TEEKAY LPG | Holding vennootschap voor EXMAR-Teekay LPG activiteiten |
| EXMAR Shipping BVBA | Shipping | TEEKAY LPG | Eigenaar van 18 midsize schepen, 5 schepen onder financiële leasing |
| Good Investment Ltd | Shipping | TEEKAY LPG | Time-charter overeenkomst voor de VLGC BW TOKYO |
| Monteriggioni Inc | Shipping | MOL | Eigenaar van de LNG tanker EXCEL dewelke verkocht werd in 2017 |
De vennootschap RESLEA wordt niet langer geclassificeerd als joint ventures als gevolg van de verkoop van deze vennootschap in juni 2019. We verwijzen naar toelichting 10 voor meer informatie in dit verband.
Solaia Shipping Llc Shipping TEEKAY LNG Eigenaar van de LNG tanker EXCALIBUR
| Segment | Eigendoms% | Beschrijving activiteiten | |
|---|---|---|---|
| GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN | |||
| Bexco NV | Ondersteunende diensten | 44,91% | Produceert touwen voor de martieme en offshore industrie |
| Marpos NV | Ondersteunende diensten | 45,00% | Levert afvaloplossingen voor de maritieme industrie |
| Electra Offshore Ltd | Infrastructuur | 40,00% | Eigenaar van het accommodatie platform WARIBOKO |
| Exview Hong Kong Ltd | Infrastructuur | 40,00% | Bareboat eigenaar van het accommodatie platform WARIBOKO |
| Springmarine Nigeria Ltd | Infrastructuur | 40,00% | Time-charter overeenkomst voor het accommodatie platform WARIBOKO |
De vennootschappen Bureau International Maritime NV, Bureau International Maritime Congo en Compagnie Parisienne Formation et Logistique werden niet langer opgenomen als geassocieerde ondernemingen als gevolg van de verkoop van de aandelen in deze ondernemingen in december 2019 (verlies van USD 0,2 miljoen).
De financiële informatie hieronder gepresenteerd omvat de IFRS cijfers van de joints ventures en de geassocieerde ondernemingen en niet EXMAR's deel van deze cijfers.
| JOINT VENTURE PARTNER | ||
|---|---|---|
| TEEKAY LPG | MOL | |
| SEGMENT | ||
| Shipping | Shipping | |
| PERCENTAGE EIGENDOMSBELANG | ||
| 50% | 50% | |
| 31 DECEMBER 2019 | ||
| Vaste activa | 735.715 | 0 |
| Vlottende activa | 50.215 | 4.744 |
| waarvan kas en kasequivalenten | 28.704 | 4.743 |
| Verplichtingen op lange termijn | 591.970 | 3.466 |
| waarvan bankleningen | 250.842 | 0 |
| waarvan schulden m.b.t. financiële leasing | 236.597 | 0 |
| waarvan overige leningen | 104.531 | 0 |
| Verplichtingen op korte termijn | 92.911 | 5 |
| waarvan bankleningen | 42.580 | 0 |
| waarvan schulden m.b.t. financiële leasing | 34.174 | 0 |
| waarvan overige leningen | 3.000 | 0 |
| Opbrengsten Afschrijvingen en waardeverminderingen |
149.255 59.174 |
0 0 |
| Intrestopbrengsten | 4.786 | 77 |
| Intrestkosten | 35.256 | 0 |
| Belastingen | 5 | 0 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | -2.924 | -3.427 |
| Niet-gerealiseerde resultaten | -5.950 | 0 |
| TOTAAL VAN GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | -8.874 | -3.427 |
| EIGEN VERMOGEN (100%) | 101.049 | 1.273 |
| AANDEEL VAN EXMAR IN HET EIGEN VERMOGEN | 50.523 | 636 |
| AANDEEL IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN PER 1 JANUARI 2019 |
54.960 | 2.350 |
| Aandeel van de Groep in totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | -4.437 | -1.714 |
| Door de Groep ontvangen dividenden | 0 | 0 |
| Andere | 0 | 0 |
| AANDEEL IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN PER 31 DECEMBER 2019 |
50.523 | 636 |
| TOEWIJZING NEGATIEF EIGEN VERMOGEN | 10.182 | 0 |
| AANDEEL IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN PER 31 DECEMBER 2019 NA TOEWIJZING NEGATIEF EIGEN VERMOGEN |
60.705 | 636 |
(*) Op 29 juni 2019 heeft EXMAR haar 50% aandeel in RESLEA, eigenaar van de kantoorgebouwen in Antwerpen, verkocht aan Compagnie Maritime Belge ("CMB"). We verwijzen in dit verband verder naar toelichting 10.
(**) De ondernemingen Bureau International Maritime NV, Bureau International Maritime Congo en Compagnie Parisienne Formation et Logistique werden niet langer opgenomen als geassocieerde ondernemingen als gevolg van de verkoop van de aandelen in deze ondernemingen in december 2019 (verlies van USD 0,2 miljoen).
| ASS CMB |
TEEKAY LNG |
|---|---|
| Infrastructuur Diensten |
Shipping |
| 50% 50% (*) |
50% |
| 16.667 0 |
68.052 |
| 5.193 0 |
8.751 |
| 3.119 0 |
5.427 |
| 0 0 |
32.028 |
| 0 0 |
31.723 |
| 0 0 |
0 |
| 0 0 |
0 |
| 1.479 0 |
14.447 |
| 0 0 |
11.660 |
| 0 0 |
0 |
| 0 0 |
0 |
| 10.545 989 |
22.302 |
| 2.295 511 |
6.961 |
| 0 0 |
392 |
| 0 173 |
2.561 |
| 0 234 |
0 |
| 1.072 402 |
7.995 |
| 0 0 |
-1.022 |
| 1.072 402 |
6.973 |
| 20.381 0 |
30.328 |
| 10.190 0 |
15.164 |
| 11.654 4.914 |
14.676 |
| 536 201 |
3.488 |
| -2.000 0 |
-3.000 |
| 0 -5.115 |
0 |
| 10.190 0 |
15.164 |
| 0 0 |
0 |
| 10.190 0 |
15.164 |
| JOINT VENTURE PARTNER | TEEKAY LPG | MOL |
|---|---|---|
| SEGMENT | ||
| Shipping | Shipping | |
| PERCENTAGE EIGENDOMSBELANG | 50% | 50% |
| 31 DECEMBER 2018 | ||
| Vaste activa | 708.549 | 0 |
| Vlottende activa | 71.032 | 4.704 |
| waarvan kas en kasequivalenten | 43.387 | 4.703 |
| Verplichtingen op lange termijn | 601.534 | 0 |
| waarvan bankleningen | 293.422 | 0 |
| waarvan schulden m.b.t. financiële leasing | 203.581 | 0 |
| waarvan overige leningen | 104.531 | 0 |
| Verplichtingen op korte termijn | 68.126 | 4 |
| waarvan bankleningen | 43.564 | 0 |
| waarvan schulden m.b.t. financiële leasing | 14.001 | 0 |
| waarvan overige leningen | 0 | 0 |
| Opbrengsten | 132.766 | 0 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 40.969 | 0 |
| Intrestopbrengsten | 3.773 | 46 |
| Intrestkosten | 30.230 | 0 |
| Belastingen | 0 | 0 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | -13.844 | 113 |
| Niet-gerealiseerde resultaten | 1.834 | 0 |
| TOTAAL VAN GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | -12.010 | 113 |
| EIGEN VERMOGEN (100%) | 109.921 | 4.700 |
| AANDEEL VAN EXMAR IN HET EIGEN VERMOGEN | 54.960 | 2.350 |
| AANDEEL GROEP IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN PER 1 JANUARI 2018 |
61.638 | 2.293 |
| Aandeel van de Groep in totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | -6.005 | 57 |
| Door de Groep ontvangen/ betaalde dividenden | 0 | 0 |
| Andere | -673 | 0 |
| AANDEEL GROEP IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN PER 31 DECEMBER 2018 |
54.960 | 2.350 |
| TOEWIJZING NEGATIEF EIGEN VERMOGEN | 6.885 | 0 |
| AANDEEL GROEP IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN PER 31 DECEMBER 2018 NA TOEWIJZING NEGATIEF EIGEN VERMOGEN |
61.845 | 2.350 |
| GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN | CMB | ASS | TEEKAY LNG | |||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Diensten BIM ondernemingen |
Infrastructuur WARIBOKO ondernemingen |
Diensten Marpos |
Diensten Bexco |
Diensten | Infrastructuur | Shipping |
| 40% 40% |
45% | 45% | 50% | 50% | 50% | |
| 12.507 416 |
428 | 7.945 | 17.008 | 19.277 | 75.013 | |
| 11.253 2.907 |
1.375 | 15.485 | 12.587 | 4.057 | 17.213 | |
| 2.553 318 |
937 | 197 | 86 | 2.883 | 16.012 | |
| 5.183 0 |
0 | 4.601 | 17.597 | 0 | 0 | |
| 0 0 |
0 | 4.149 | 17.541 | 0 | 0 | |
| 0 0 |
0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| 5.183 0 |
0 | 0 | 3 | 0 | 0 | |
| 10.573 1.581 |
1.065 | 11.340 | 2.173 | 25 | 62.871 | |
| 0 0 |
0 | 4.643 | 1.718 | 0 | 60.490 | |
| 0 0 |
0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| 4.875 0 |
0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| 15.876 1.938 |
1.893 | 18.543 | 2.168 | 10.220 | 24.799 | |
| 1.892 220 |
51 | 1.055 | 1.072 | 2.969 | 6.960 | |
| 0 19 |
0 | 0 | 0 | 72 | 1.368 | |
| 1.491 7 |
4 | 154 | 375 | 146 | 3.360 | |
| 288 5 |
62 | 3 | 386 | 0 | 0 | |
| 2.625 -1.209 |
115 | 45 | 579 | -376 | 9.044 | |
| 0 0 |
0 | 0 | 0 | 42 | 125 | |
| 2.625 -1.209 |
115 | 45 | 579 | -334 | 9.169 | |
| 8.004 1.742 |
738 | 7.489 | 9.825 | 23.309 | 29.355 | |
| 3.202 696 |
333 | 3.364 | 4.914 | 11.654 | 14.676 | |
| 2.370 1.215 |
296 | 3.503 | 4.818 | 11.821 | 13.030 | |
| 1.050 -484 |
52 | 20 | 290 | -167 | 4.585 | |
| 0 0 |
0 | 0 | 0 | 0 | -2.000 | |
| 0 -35 |
-15 | -159 | -194 | 0 | -938 | |
| 3.420 696 |
333 | 3.364 | 4.914 | 11.654 | 14.676 | |
| 1.219 21 |
0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| 4.639 717 |
333 | 3.364 | 4.914 | 11.654 | 14.676 |
| Shipping | Infrastructuur | Totaal | |
|---|---|---|---|
| LENINGEN AAN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES | |||
| PER 1 JANUARI 2018 | 50.273 | 12.971 | 63.244 |
| Nieuwe leningen | 0 | 0 | 0 |
| Terugbetalingen | 0 | -4.350 | -4.350 |
| Wijzigingen in toegewezen negatief eigen vermogen (*) | -4.910 | 219 | -4.691 |
| PER 31 DECEMBER 2018 | 45.363 | 8.840 | 54.203 |
| MEER DAN ÉÉN JAAR | 45.363 | 3.965 | 49.328 |
| MINDER DAN ÉÉN JAAR | 0 | 4.875 | 4.875 |
| Shipping | Infrastructuur | Totaal | |
| LENINGEN AAN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES | |||
| PER 1 JANUARI 2019 Nieuwe leningen |
45.363 0 |
8.840 0 |
54.203 0 |
| Terugbetalingen | 0 | -1.000 | -1.000 |
| Wijzigingen in toegewezen negatief eigen vermogen (*) | -3.296 | 72 | -3.224 |
| PER 31 DECEMBER 2019 | 42.067 | 7.912 | 49.979 |
| MEER DAN ÉÉN JAAR | 42.067 | 7.412 | 49.479 |
(*) De geassocieerde ondernemingen en joint ventures waarvan het aandeel in het eigen vermogen negatief is, worden toegewezen aan de andere componenten van het belang van de investeerder in de geassocieerde onderneming of joint venture. Wanneer het negatieve eigen vermogen dit belang overtreft, dan wordt een corresponderende verplichting geregistreerd in dit verband.
De activiteiten en activa van een aantal van onze joint ventures en geassocieerde ondernemingen worden gefinancierd door aandeelhoudersleningen toegekend door EXMAR aan de respectievelijke joint venture en geassocieerde onderneming. Het korte termijn gedeelte van deze leningen wordt gepresenteerd als overige vordering. De saldo's vermeld tussen haakjes vertegenwoordigen de uitstaande vorderingen inclusief toewijzing negatief eigen vermogen.
Beide aandeelhouders hebben aandeelhoudersleningen toegekend aan EXMAR LPG in 2013. Terugbetalingen gebeuren afhankelijk van de beschikbaarheid van liquiditeiten en alleen indien zulke terugbetaling niet resulteert in een inbreuk op de financiële convenanten van de bankleningen bij EXMAR LPG. Het van toepassing zijnde intrest percentage op deze aandeelhoudersleningen bedraagt LIBOR 3 maanden plus 0,5%.
EXMAR Nederland heeft een aandeelhouderslening toegekend aan Electra Offshore Ltd in 2016. De lening wordt terugbetaald afhankelijk van de beschikbaarheid van liquiditeiten. Het intrest percentage op deze faciliteit bedraagt een vast percentage van 12%.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| VASTE ACTIVA AANGEHOUDEN VOOR VERKOOP | ||
| Vliegtuig | 11.000 11.000 |
0 0 |
Een aankoopverplichting voor een vliegtuig werd geregistreerd als gevolg van een contract modificatie. In de loop van 2019 werd een waardevermindering van USD 4,7 miljoen geregistreerd in het overzicht van gerealiseerde resultaten om de huidige marktwaarde van het actief te weerspiegelen. Per 31 december 2019 werd het vliegtuig gepresenteerd als vast actief aangehouden voor verkoop in de geconsolideerde balans als gevolg van de intentie van het management om het vliegtuig te verkopen.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| OVERIGE INVESTERINGEN - AANDELEN GEWAARDEERD AAN FVTPL | ||
| Niet-genoteerde aandelen (*) | 1.004 | 1.237 |
| Genoteerde aandelen (**) | 3.166 | 2.785 |
| 4.170 | 4.022 |
(*) De niet-genoteerde aandelen betreffen 149 aandelen van Sibelco dewelke werden verworven in 2014.
(**) De genoteerde aandelen hebben betrekking op 149.089 aandelen van Teekay LNG (TGP) aan een koers van USD 15,35 per 31 december 2019 (per 31 december 2018: USD 11,02) en 116.338 aandelen van Frontera Energy Corporation aan een koers van CAD 9,8 per 31 december 2019 (per 31 december 2018: CAD 13,38).
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| HANDELS- EN OVERIGE VORDERINGEN | ||
| Handelsvorderingen | 30.028 | 25.001 |
| Kaswaarborgen | 263 | 209 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures (korte termijn) | 500 | 4.875 |
| Overige vorderingen | 7.795 | 38.599 |
| Over te dragen kosten en te ontvangen opbrengsten (*) | 5.017 | 3.661 |
| 43.603 | 72.345 | |
| WAARVAN FINANCIËLE ACTIVA (TOELICHTING 30) | 35.107 | 65.815 |
(*) "Over te dragen kosten" omvat kosten die reeds werden gefactureerd, maar betrekking hebben op volgende boekjaren, zoals huur, verzekeringen, commissies, brandstoffen,..."Te ontvangen opbrengsten" omvat opbrengsten die nog niet werden gefactureerd maar wel betrekking hebben op het lopend boekjaar, zoals intresten...
De blootstelling van de Groep aan krediet- en valutarisico's en waardeverminderingsverliezen met betrekking tot handels- en overige vorderingen wordt toegelicht in toelichting 30.
De daling in de overige vorderingen wordt voornamelijk verklaard door de vooruitbetalingen aangaande 2 nieuwe VLGC-tankers aan Hanjin Heavy Industries & Construction. In januari 2019 vroeg Hanjin Heavy Industries & Construction een gerechtelijk akkoord aan wegens financiële moeilijkheden. Dit veroorzaakte een vertraging in het bouwproces waardoor EXMAR genoodzaakt was om de twee scheepsbouwcontracten op te zeggen en een beroep te doen op de terugbetalingsgarantie van de Korean Development Bank om de al gestorte vooruitbetalingen te recupereren (als gevolg hiervan werden deze vooruitbetalingen geregistreerd als overige vorderingen per 31 december 2018). Deze vooruitbetalingen (USD 27,2 miljoen) werden terug betaald in het eerste semester van 2019 samen met een intrest van 6%.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| ACTUELE BELASTINGVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN | ||
| Actuele belastingvorderingen | 1.353 | 190 |
| Actuele belastingverplichtingen | 5.116 | 2.362 |
Actuele belastingvorderingen en -verplichtingen stijgen voornamelijk als gevolg van de additionele belastingaanslag voor boekjaar 2017 voor EXMAR NV. EXMAR betwist deze belastingaanslag en heeft tegelijkertijd een belastingverplichting (om de ontvangen belastingaanslag te tonen) en een belastingvordering (om de betwiste belastingaanslag te tonen) geboekt. Volgens het lokale management is de ontvangen aanslag niet geldig en bijgevolg werd een belastingvordering gelijk aan de belastingverplichting geregistreerd in de geconsolideerde cijfers per 31 december 2019.
| Vorderingen | Verplichtingen | Vorderingen | Verplichtingen | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 31 December 2019 | 31 December 2018 | ||||||
| UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN IN DETAIL (*) | |||||||
| Voorzieningen | 0 | 100 | 0 | 100 | |||
| Personeelsbeloningen | 2.254 | 3.612 | 0 | ||||
| Schepen | 0 | 0 | 0 | 2.504 | |||
| UITGESTELDE BELASTINGVORDERING / VERPLICHTING | 2.254 | 100 | 3.612 | 2.604 | |||
| Saldering van belastingvordering-en verplichting | -100 | 0 | -2.604 | 0 | |||
| Niet-erkenning belastingvordering (**) | -2.154 | 0 | -1.008 | 0 | |||
| 0 | 0 | 0 | 0 | ||||
| NIET ERKENDE UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN (***) | |||||||
| Aftrekbare tijdelijke verschillen | 2.154 | 1.008 |
| 45.576 | 0 | 49.153 | 0 |
|---|---|---|---|
Niet gebruikte belastinglatenties (***) 43.422 48.145
(*) De tijdelijke verschillen dewelke bestaan in onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures werden niet opgenomen in bovenstaand overzicht van uitgestelde belastingsvorderingen en -verplichtingen in detail.
(**) De uitgestelde belastingvordering werd niet erkend aangezien het niet waarschijnlijk is dat toekomstige belastbare winsten beschikbaar zullen zijn tegen dewelke de Groep deze latenties kan gebruiken of omdat de Groep deze toekomstige belastbare winsten niet kan inschatten op een betrouwbare basis.
(***) De niet gebruikte belastinglatenties zijn bijna volledig onbeperkt in de tijd bruikbaar.
(IN DUIZENDEN USD)
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| KAS EN KASEQUIVALENTEN | ||
| GEBLOKKEERDE KASEQUIVALENTEN | 67.270 | 67.270 |
| Bank | 52.145 | 39.461 |
| Kas | 83 | 118 |
| Geldbeleggingen | 398 | 258 |
| NETTO KAS EN KASEQUIVALENTEN | 52.626 | 39.837 |
De geblokkeerde kasequivalenten hebben betrekking op de kredietfaciliteit met de Bank of China voor de TANGO FLNG (zie ook toelichting 25). Op 26 februari 2020 heeft de Bank of China USD 40 miljoen vrijgegeven van de geblokkeerde rekening (DSRA) . Het saldo op de geblokkeerde rekening zal vrijgegeven worden op basis van de terugbetaling van de uitstaande schuld.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| AANTAL GEWONE AANDELEN | ||
| Uitgegeven per 1 januari Uitgegeven aandelen per 31 december - volstort |
59.500.000 59.500.000 |
59.500.000 59.500.000 |
De aandelen zijn zonder vermelding van nominale waarde. De houders van gewone aandelen zijn gerechtigd tot dividend en hebben recht om per aandeel één stem uit te brengen tijdens de Algemene Vergadering van de vennootschap.
Er heben geen uitkeringen aan de aandeelhouders plaats gevonden in 2019 en 2018.
De reserve voor eigen aandelen omvat de kostprijs van de aandelen van EXMAR die door de Groep worden aangehouden.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| EIGEN AANDELEN | ||
| Aantal eigen aandelen gehouden per 31 december (*) | 2.273.263 | 2.273.263 |
| Boekwaarde van de eigen aandelen (in duizenden USD) | 44.349 | 44.349 |
| Gemiddelde kostprijs per aandeel (in EUR) - historische waarde | 14,1507 | 14,1507 |
(*) Er werden geen eigen aandelen verkocht gedurende 2019 naar aanleiding van de uitoefening van opties tijdens het jaar.
De omrekeningsreserve omvat koersverschillen die ontstaan uit de omrekening van in de consolidatie opgenomen balansen en winst- en verliesrekeningen opgemaakt in een andere munt dan de consolidatiemunt.
De afdekkingsreserve bestaat uit het effectieve deel van de cumulatieve netto wijzigingen in de reële waarde van kasstroomafdekkingsinstrumenten met betrekking tot de afgedekte transacties. In bepaalde van onze joint ventures werden interest rate swaps (IRS) contracten afgesloten om het variabel intrest risico in te dekken.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| WINST PER AANDEEL | ||
| Resultaat van het boekjaar (in USD) | -13.218.671 | -15.912.725 |
| Aantal uitgegeven gewone aandelen per 31 december | 59.500.000 | 59.500.000 |
| Effect van eigen aandelen | -2.273.263 | -2.454.561 |
| Gewogen gemiddeld aantal aandelen per 31 december | 57.226.737 | 57.045.439 |
| -0,23 | -0,28 | |
| VERWATERDE WINST PER AANDEEL | ||
| Resultaat van het boekjaar (in USD) | -13.218.671 | -15.912.725 |
| Gewogen gemiddeld aantal aandelen per 31 december | 57.226.737 | 57.045.439 |
| Gemiddelde slotkoers van één gewoon aandeel gedurende het jaar (in EUR) (a) |
5.65 | 5.99 |
| Gemiddelde uitoefenprijs voor aandelen onder optie (in EUR) (b) |
0.00 | 0.00 |
| Aantal aandelen onder optie (c) |
0 | 0 |
| Aantal aandelen onder optie die tegen reële waarde zou zijn uitgegeven: (c*b)/a | 0 | 0 |
| Gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen gedurende het jaar inclusief opties | 57.226.737 | 57.045.439 |
| -0,23* | -0,28 |
(*) Optieplan 4 ,8, 9 en 10 werden niet begrepen in de berekening van de verwaterde winst per aandeel vanwege het anti-verwateringseffect.
| Bankleningen | Overige leningen |
Leasingschulden Gebruiks rechten (*) |
Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| LANGETERMIJNLENINGEN PER 31 DECEMBER 2018 | ||||
| PER 1 JANUARI 2018 | 246.973 | 125.734 | 0 | 372.707 |
| Nieuwe leningen | 49.173 | 20.411 | 0 | 69.584 |
| Geplande terugbetalingen | -56.379 | -1.126 | 0 | -57.505 |
| Betaalde transactiekosten | -1.646 | -649 | 0 | -2.295 |
| In resultaat genomen transactiekosten | 2.114 | 1.236 | 0 | 3.350 |
| Omrekeningsverschillen | 0 | -6.188 | 0 | -6.188 |
| Toe te rekenen intrestkosten | 4.702 | 2.512 | 0 | 7.214 |
| PER 31 DECEMBER 2018 | 244.937 | 141.930 | 0 | 386.867 |
| Langer dan 1 jaar | 204.690 | 16.519 | 0 | 221.209 |
| Korter dan 1 jaar | 40.247 | 125.411 | 0 | 165.658 |
| PER 31 DECEMBER 2018 | 244.937 | 141.930 | 0 | 386.867 |
| Shipping segment | 67.555 | 18.635 | 0 | 86.190 |
| Infrastructuur segment | 177.354 | 123.295 | 0 | 300.649 |
| Diensten segment | 28 | 0 | 0 | 28 |
| PER 31 DECEMBER 2018 | 244.937 | 141.930 | 0 | 386.867 |
| LANGETERMIJNLENINGEN PER 31 DECEMBER 2019 | ||||
| PER 1 JANUARI 2019 ZOALS EERDER GERAPPORTEERD | 244.937 | 141.930 | 0 | 386.867 |
| CORRECTIE ALS GEVOLG VAN DE INITIËLE TOEPASSING VAN IFRS 16, NA BELASTINGEN (*) |
0 | 0 | 13.026 | 13.026 |
| GECORRIGEERD SALDO PER 1 JANUARI 2019 | 244.937 | 141.930 | 13.026 | 399.893 |
| Nieuwe leningen (**) | 61.705 | 107.688 | 11.198 | 180.591 |
| Geplande terugbetalingen (**) | -43.309 | -125.997 | -2.600 | -171.906 |
| Betaalde transactiekosten | -922 | -1.935 | 0 | -2.857 |
| In resultaat genomen transactiekosten | 2.502 | 1.122 | 0 | 3.624 |
| Omrekeningsverschillen | 0 | -1.393 | -10 | -1.403 |
| Toe te rekenen intrestkosten | -811 | -1.749 | 0 | -2.560 |
| Contract herwaardering/ contract aanpassing | 0 | 0 | 51 | 51 |
| PER 31 DECEMBER 2019 | 264.102 | 119.666 | 21.665 | 405.433 |
| Langer dan 1 jaar | 200.473 | 118.903 | 4.206 | 323.582 |
| Korter dan 1 jaar | 63.629 | 763 | 17.459 | 81.851 |
| PER 31 DECEMBER 2019 | 264.102 | 119.666 | 21.665 | 405.433 |
| Shipping segment | 70.178 | 46.118 | 16.338 | 132.634 |
| Infrastructuur segment | 161.872 | 73.548 | 2.687 | 238.107 |
| Diensten segment | 32.052 | 0 | 2.640 | 34.692 |
| PER 31 DECEMBER 2019 | 264.102 | 119.666 | 21.665 | 405.433 |
| 2019 | 2018 |
| KREDIETLIJNEN | ||
|---|---|---|
| Totale kredietlijnen | 36.740 | 21.870 |
| Opgenomen kredietlijnen | -32.000 | 0 |
| Niet opgenomen kredietlijnen | 4.740 | 21.870 |
(*) De Groep heeft IFRS 16 toegepast per 1 januari 2019, gebruik makend van de "modified retrospective method". Onder deze methode worden de cijfers van het voorgaande boekjaar niet herwerkt. Het effect van de initiële toepassing van IFRS 16 op het eigen vermogen werd bepaald als zijnde nihil. We verwijzen in dit verband naar sectie E in de waarderingsregels en naar toelichting 31.
(**) De som van de nieuwe bank en overige leningen wordt weerspiegeld onder "nieuwe leningen" in het geconsolideerd kasstroomoverzicht. De som van de geplande terugbetalingen van de bank en overige leningen wordt weerspiegeld onder "terugbetalingen van leningen" in het geconsolideerd kasstroomoverzicht.
De bankleningen hebben voornamelijk betrekking op de LPG pressurized vloot faciliteiten en de TANGO FLNG faciliteit.
In het laatste kwartaal van 2018 heeft EXMAR haar LPG-vloot geherfinancierd. Vijf schepen werden geherfinancierd onder deze transactie in oktober 2018, één schip werd geherfinancierd in december 2018 en vier schepen in april 2019. De leningen zijn terugbetaalbaar in driemaandelijkse schijven en de van toepassing zijnde intrestvoet bedraagt drie maanden LIBOR plus 2,4%. De laatste terugbetaling is voorzien in december 2025. Alle verplichtingen van de ontlener werden gegarandeerd door EXMAR NV (borgsteller).
Einde juni 2017 heeft EXPORT Lng Limited (een 100% dochteronderneming van EXMAR NV) een financieringsovereenkomst getekend van USD 200 miljoen met de Bank of China (Boc), Deutsche Bank en Sinosure voor de financiering van de CARIBBEAN FLNG. De lening werd opgenomen op 27 juli 2017 op het moment van de levering van de CARIBBEAN FLNG, hernoemd TANGO FLNG. De lening met Boc voorziet een terugbetalingstermijn van 12 jaar met zesmaandelijkse terugbetalingen. Deze faciliteit kent een variabele rentevoet van zes maanden LIBOR plus 3%. De jaarlijks geschatte schuldaflossing bedraagt USD 25 miljoen. Alle verplichtingen van de ontlener werden gegarandeerd door EXMAR NV (borgsteller). Er bestaat een verplichting voor EXPORT om een bedrag gelijk aan 30 maandelijkse terugbetalingen inclusief intrest aan te houden op een geblokkeerde rekening (USD 67,3 miljoen). Met de inbedrijfstelling en succesvolle acceptatietesten van de TANGO FLNG op 5 juni 2019, heeft EXMAR aan alle voorwaarden voldaan voor de gedeeltelijke vrijgave van de geblokkeerde fondsen (USD 40 miljoen in een eerste fase) die dienen als zekerheid voor de terugbetaling van de lening van USD 200 miljoen bij Bank of China en Deutsche Bank. Deze vrijgave is onderworpen aan de goedkeuring van SINOSURE en dit vergde meer tijd dan wat eerder was gecommuniceerd. Op 26 februari 2020 heeft de Bank of China USD 40 miljoen vrijgegeven van de geblokkeerde rekening (DSRA). Het bedrag van 40 miljoen werd gedeeltelijk aangewend voor de terugbetaling van de overbruggingskredieten en om te voldoen aan EXMAR's investeringsverplichtingen.
De vertragingen in de vrijgave van de geblokkeerde rekening (DSRA) hebben ertoe geleid dat EXMAR haar liquiditeitspositie van dichtbij is blijven opvolgen. In afwachting van de vrijgave van de DSRA heeft EXMAR een overbruggingskrediet van USD 30 miljoen gesloten bij Nordea en Belfius dewelke EXMAR hebben bijgestaan om in deze overgangsperiode tijdelijk haar liquiditeit te verhogen. Het van toepassing zijnde intrestpercentage bedraagt 1 maand LIBOR verhoogd met 4% voor Nordea en met 3,25% voor Belfius. Het overbruggingskrediet werd verminderd tot USD 15 miljoen in december 2019 en werd volledig terugbetaald per einde februari 2020 met de vrijgekomen gelden van de DSRA rekening. EXMAR heeft eveneens USD 17 miljoen opgenomen per 31 december 2019 van haar beschikbare kredietlijnen (USD 21 miljoen). Een gedeelte hiervan (USD 4,4 miljoen) werd terugbetaald per einde februari 2020 met de vrijgekomen gelden van de geblokkeerde rekening. De van toepassing zijnde intrestvoet bedraagt 1 maand LIBOR plus 2,55%.
De overige leningen hebben betrekking op een uitgegeven obligatielening van NOK 700 miljoen. De obligatielening werd uitgegeven in juli 2014 door EXMAR Netherlands BV ( "uitgever"), een 100% dochteronderneming van EXMAR NV. Gedurende 2015 werd een extra bedrag van NOK 300 miljoen uitgegeven (2de deel van de initiële emissie van obligaties van NOK 700 miljoen). Het totaal uitstaande nominale bedrag van de emissie bedroeg NOK 1 biljoen, met een initiële looptijd tot juli 2017. In juni 2017 werd de termijn van de obligatielening verlengd tot juli 2019. Als gevolg van de verlenging van de termijn van de obligatielening, had elke obligatiehouder de mogelijkheid om zijn NOK obligaties om te ruilen voor USD obligaties. Het intrest percentage van toepassing op de resterende NOK obligaties bedroeg drie maanden NIBOR plus een marge van 8%. De omgeruilde USD obligaties hadden een intrestvoet van drie maanden LIBOR plus een marge van 8,5%. In juni 2019 werd de obligatielening voor een bedrag van NOK 1 biljoen volledig terugbetaald. Deze terugbetaling werd gedeeltelijk gefinancierd met een nieuwe obligatielening en gedeeltelijk met beschikbare middelen.
EXMAR Netherlands BV, een 100% dochteronderneming van EXMAR NV, heeft een nieuwe obligatielening uitgegeven van NOK 650 miljoen, met een vervaldatum in mei 2022. Het intrestpercentage van toepassing op deze nieuwe obligatielening bedraagt NIBOR drie maanden plus een marge van 8,75%. Alle uitgegeven obligaties werden gegarandeerd door EXMAR NV ("borgsteller"). EXMAR NV moet ten allen tijde rechtstreeks of onrechtstreeks een 100% belang aanhouden in de uitgever. De NOK/USD verhouding en het intrestrisico van de NOK obligatielening zijn niet ingedekt door financiële instrumenten. We verwijzen eveneens naar toelichting 30 in dit verband.
EXMAR heeft 2 VLGC-schepen in aanbouw bij Jiangnan scheepswerf dewelke geleverd zullen worden in het tweede kwartaal van 2021. De twee schepen zullen elk in een vijfjarige charterovereenkomst treden met Equinor van zodra ze geleverd worden door de scheepswerf. EXMAR heeft USD 20 miljoen financiering verkregen en opgenomen in december 2019 van Maritime Asset Partners (MAP) onder de vorm van een financiering voor oplevering. De terugbetalingsdatum van deze financiering is de vroegste van ofwel de leveringsdatum van de schepen ofwel de vervaldag (juni 2021). Het intrestpercentage op de lening bedraagt 10,75% op jaarbasis.
EXMAR's hervergassingsplatform (FSRU) werd geleverd einde december 2017. De unit heeft een lange termijn contract afgesloten met GUNVOR en de tewerkstelling is gestart in oktober 2018. De FSRU werd voornamelijk gefinancierd met beschikbare middelen. EXMAR heeft een princiepsakkoord voor de financiering van de FSRU afgesloten met CSSC Hong Kong Shipping Company. De financieringsdocumentatie voor de sale en leaseback van de FSRU-eenheid door CSSC voor een bedrag van USD 155 miljoen is gefinaliseerd en ondertekend eind augustus. Een eerste schijf van bij benadering USD 78,0 miljoen wordt vrijgegeven bij het vervullen van de opschortende voorwaarden van de leningsovereenkomst (met inbegrip van door de charterer ondertekende zekerheden) en een tweede tranche van USD 31,0 miljoen zal beschikbaar zijn bij de start van de werkzaamheden op een locatie. In september 2019 heeft GUNVOR EXMAR in kennis gesteld van een geschil met betrekking tot de FSRU, de arbitrage procedure werd opgestart. Deze arbitrage procedure kan verschillende maanden duren. Als gevolg van de lopende arbitrage procedure met GUNVOR kan de financiering van de FSRU niet gefinaliseerd worden. Ondertussen blijft de charterovereenkomst volledig van kracht.
In het algemeen wordt gesteld dat de leningen aangegaan door EXMAR en haar joint ventures, gewaarborgd zijn door de onderliggende activa dewelke eigendom zijn van EXMAR en van haar joint ventures. Verder bestaan er verschillende panden en andere soorten van garanties dewelke de leningen waarborgen. Dividend beperkingen werden opgenomen als een speciale convenant in de voorwaarden van de obligatielening. EXMAR zal niet overgaan tot de uitkering of betaling van een dividend in cash of in natura dewelke in totaliteit 50% overschrijdt van het geconsolideerd resultaat na belastingen (proportionele consolidatie) gebaseerd op de geauditeerde geconsolideerde financiële staten van het voorgaande boekjaar. EXMAR heeft financiële activa in pand gegeven als zekerheid voor bepaalde schulden. We verwijzen naar toelichting 22 waar het bedrag van geblokkeerde kasequivalenten met betrekking tot kredietovereenkomsten wordt toegelicht.
Verschillende lening convenanten zijn eveneens van toepassing en vereisen naleving van bepaalde financiële ratio's. Deze ratio's worden zesmaandelijks berekend op basis van EXMAR's geconsolideerde cijfers waar de joint ventures niet geconsolideerd worden volgens IFRS 11 maar volgens de proportionele consolidatie methode (analoog met de waarderingsregels gebruikt voor segment rapporteringsdoeleinden). Indien EXMAR niet voldoet aan deze convenanten kunnen vroegtijdige terugbetalingen mogelijk zijn en bijgevolg dienen de gerelateerde schulden dan gepresenteerd te worden op korte termijn. We verwijzen naar onderstaande tabel voor een overzicht van de van toepassing zijnde convenanten.
| VAN TOEPASSING ZIJNDE CONVENANTEN RATIO |
Pressurized faciliteit |
TANGO FLNG faciliteit |
Obligatielening | Overige (*) | Actuele positie 31/12/2019 (**) |
|---|---|---|---|---|---|
| Minimum gerealiseerd eigen vermogen | ≥ USD 300 miljoen | ≥ USD 300 miljoen | ≥ USD 300 miljoen | ≥ USD 300 miljoen + 50% van het resultaat indien positief |
448,94 |
| Minimum vrije cash | ≥ USD 25 miljoen | ≥ USD 25 miljoen | ≥ USD 25 miljoen | ≥ USD 40 miljoen | 81,98 |
| Ratio eigen vermogen (eigen vermogen/ totale activa) |
≥ 25% | ≥ 25% | NA | ≥ 25% | 40,12% |
| Netto intrestdragende schuld of NIDS/ eigen vermogen |
NVT | NVT | Maximum 2,5 | NVT | 1,28 |
| Rentedekkingsratio (EBITDA/Netto Intrestkosten) | NVT | min 2:1 | min 2:1 | NVT | 2,30 |
| Werkkapitaal | minimum positief | minimum positief | minimum positief | minimum positief | 82,80 |
| Netto financiële schulden ratio | NVT | NVT | NVT | <70% | 58,52% |
| Openstaande schuld | 96.296 | 161.872 | 73.548 | 48.041 |
(*)De overige convenanten hebben gedeeltelijk betrekking op een leningsbedrag dewelke geregistreerd staat in onze proportionele consolidatie maar niet is onze vermogensmutatie consolidatie. Het openstaand leningsbedrag is bijgevolg niet opgenomen in de bovenstaande tabel. Het openstaand leningsbedrag voor deze convenant in onze proportionele consolidatie bedraagt EUR 21,7 miljoen.
(**) De gepresenteerde actuele bedragen zijn gebaseerd op de meest restrictieve berekeningen.
Per 31 december 2019 voldeed EXMAR aan de van toepassing zijnde convenanten.
EXMAR gelooft dat per juni en december 2020 alle convenanten zullen gehaald worden. EXMAR volgt voortdurend de naleving van al deze convenanten op.
In het geval van schending van de financiële convenanten zal de Vennootschap een verzoek tot kwijtschelding indienen bij de desbetreffende kredietverleners. De onderneming is van mening dat deze kwijtschelding zal bekomen worden indien noodzakelijk. Volgende stappen dienen te worden genomen in overeenstemming met van toepassing zijnde overeenkomsten moest een inbreuk vastgesteld worden:
De Groep heeft een aandelenoptieregeling ingevoerd waarbij bepaalde werknemers recht hebben om in te schrijven op een aantal opties. De opties zijn enkel uitoefenbaar na een periode van drie jaar en enkel voor werknemers die nog in dienst zijn na deze driejarige periode. Elke optie geeft de houder van de optie recht op één EXMAR aandeel.
De reële waarde van de diensten die in ruil voor de toegekende opties worden ontvangen, wordt bepaald op basis van de uitoefenprijs van de toegekende aandelenopties. De reële waarde van de ontvangen diensten wordt bepaald met behulp van een binominaal model. In dit model wordt onder andere uitgegaan van de contractuele looptijd van de optie.
| Plan 10 | Plan 9 | Plan 8 | Plan 4 | |
|---|---|---|---|---|
| REËLE WAARDE OP TOEKENNINGSDATUM EN GEHANTEERDE VERWACHTINGEN OP MOMENT VAN TOEKENNING | ||||
| Aantal opties openstaand op jaareinde (*) | 371.500 | 374.100 | 437.600 | 212.958 |
|---|---|---|---|---|
| Reële waarde op de toekenningsdatum (in EUR) | 3,21 | 2,32 | 3,36 | 5,64 |
| Aandelenkoers op de toekenningsdatum(in EUR) | 9,62 | 10,00 | 11,33 | 16,80 |
| Uitoefenprijs bij toekenning (in EUR) (*) | 9,62 | 10,54 | 10,54 | 14,64 |
| Verwachte volatiliteit (**) | 40,70% | 30,60% | 31,40% | 25,78% |
| Looptijd optie bij toekenning (***) | 8 jaar | 8 jaar | 8 jaar | 8 jaar |
| Vervaldatum | 2023 | 2022 | 2021 | 2020 |
| Verwacht dividend | 0,3 eur/j | 0,3 eur/j | 0,4 eur/j | 0,5 eur/j |
| Risicovrije rentevoet | 0,53% | 0,62% | 1,87% | 4,29% |
(*) Het aantal aandelenopties en de uitoefenprijs van de opties werd aangepast omwille van het verwateringseffect van de kapitaalverhoging van november 2009 (aanpassing volgens ratio 0,794), de uitkering van een uitzonderlijk dividend van mei 2012 (aanpassing volgens ratio 0.929) en de uitkering van een uitzonderlijk dividend (aanpassing volgens ratio 0.9364) van september 2013. Het aantal opties en de uitoefenprijs weergegeven in bovenstaande tabel betreffen de aangepaste waarden.
(**) De verwachte volatiliteit is gebaseerd op de historische volatiliteit (berekend op basis van de gewogen gemiddelde resterende looptijd van de aandelenopties), aangepast voor eventuele verwachte wijzigingen in de toekomstige volatiliteit als gevolg van openbaar beschikbare informatie.
(***) De Raad van Bestuur van 23 maart 2009 heeft beslist om de looptijd van de optieplannen 1 - 4 te verlengen met 5 jaar. Deze verlenging kadert in de goedkeuring door de Belgische wetgever van de herstelwet die de wet van 26 maart 1999 aanvult. Op datum van wijziging werden aangepaste reële waarde berekeningen gemaakt op basis van de resterende en verlengde looptijd van de aandelenopties.
Plan 1, 2, 3, 5, 6 en 7 werden verwijderd uit bovenstaand overzicht aangezien de plannen vervallen zijn. Plan 5 verviel op het einde van 2016, plan 1 en 6 vervielen op het einde van 2017, plan 2 en 7 vervielen op het einde van 2018 en plan 3 verviel op het einde van 2019. Met betrekking tot plan 3, werden 0 opties uitgeoefend in 2019 en 386.008 opties vervielen als gevolg van het vervallen van het plan. Er werden geen nieuwe optieplannen toegekend in 2018 en 2019.
| 2019 | 2018 | |||
|---|---|---|---|---|
| Aantal opties | Gewogen gemiddelde uitoefenprijs |
Aantal opties | Gewogen gemiddelde uitoefenprijs |
|
| AANSLUITING OPENSTAANDE OPTIES | ||||
| OPENSTAAND PER 1 JANUARI | 1.796.390 | 12,00 | 2.483.178 | 11,14 |
| Nieuw verleende opties | 0 | 0,00 | 0 | 0,00 |
| Wijzigingen tijdens het boekjaar | ||||
| Uitgeoefende opties | 0 | 0,00 | -211.984 | 4,71 |
| Vervallen/geschrapte opties | -400.232 | 15,76 | -474.804 | 10,76 |
| OPENSTAAND PER 31 DECEMBER | 1.396.158 | 10,92 | 1.796.390 | 12,00 |
| UITOEFENBAAR PER 31 DECEMBER | 1.396.158 | 10,92 | 1.796.390 | 12,00 |
De gewogen gemiddelde resterende levensduur van de uitstaande optieplannen per einde december 2019 bedraagt 2,7 jaar (2018: 3,08 jaar).
De Groep voorziet in pensioenvoordelen voor de meeste van haar werknemers, hetzij direct, hetzij via een bijdrage aan een onafhankelijk fonds. De pensioenvoordelen voor het kaderpersoneel in dienst vóór 1 januari 2008 worden verstrekt onder een te bereiken doel plan. Dit plan is een te bereiken doel plan waarbij een eindloonstelsel van toepassing is.
Voor kaderleden in dienst na 1 januari 2008, werknemers gepromoveerd tot kaderlid na 1 januari 2008 en kaderleden die de leeftijd van 60 jaar bereikt hebben, voorziet de Groep pensioenvoordelen via een vast bijdrage plan. Belgische toegezegde bijdrageregelingen vallen onder toepassingsgebied van de Wet van 28 april 2003 op de aanvullende pensioenen, kort WAP genoemd. Volgens artikel 24 van deze wet is de werkgever verplicht een minimum rendement van 3,75% op de persoonlijke bijdragen van de werknemer en 3,25% op de bijdragen van de werkgever te garanderen en dit voor stortingen tot en met 31/12/2015. Vanaf januari 2016 dient de werkgever een gemiddeld minimum redement van 1,75% te garanderen op zowel werknemersbijdragen als werkgeversbijdragen (zoals gewijzigd door de Wet van 18 december 2015). Deze minimum rendementsgarantie overtreft over het algemeeen het rendement dat gegarandeerd wordt door de verzekeringsmaatschappij. Aangezien de werkgever verplicht wordt een minimum rendement te garanderen, worden niet alle actuariële en investeringsrisico's overgedragen naar de verzekeringsmaatschappijen die deze plannen beheren. Bijgevolg voldoen deze plannen niet aan de defintie van toegezegde bijdragenregeling zoals opgenomen in IFRS en worden ze als een te bereiken doel plan geclassificeerd. Een actuariële berekening in overeenstemming met IAS 19 gebaseerd op de 'projected unit credit (PUC)'-methode werd uitgevoerd in dit verband. De stortingen dewelke erkend werden in de winst- en verliesrekening bedragen USD 0,6 miljoen (2018: USD 0,6 miljoen).
De gewogen gemiddelde duurtijd van de verplichting met betrekking tot het te bereiken doel plan bedraagt 6 jaar. De gewogen gemiddelde duurtijd van de verplichting met betrekking tot het vast bijdragenplan bedraagt 19 jaar.
| PERSONEELSBELONINGEN 2019 2018 2017 2016 2015 PERSONEELSBELONINGEN - TE BEREIKEN DOEL PLAN Contante waarde van gefinancierde verplichtingen -11.535 -11.697 -12.072 -11.297 -11.662 8.839 7.626 7.361 7.098 7.217 CONTANTE WAARDE VAN DE NETTOVERPLICHTINGEN -2.696 -4.072 -4.711 -4.198 -4.445 PERSONEELSBELONINGEN - VAST BIJDRAGENPLAN Contante waarde van gefinancierde verplichtingen -5.340 -4.703 -3.313 -3.845 Reële waarde van de fondsbeleggingen 6.438 4.609 3.198 3.777 CONTANTE WAARDE VAN DE NETTOVERPLICHTINGEN 1.099 -94 -115 -69 0 TOTALE PERSONEELSBELONINGEN -1.597 -4.166 -4.826 -4.267 -4.445 |
||||
|---|---|---|---|---|
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | ||||
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| WIJZIGINGEN IN DE VOORZIENINGEN GEDURENDE HET JAAR | ||
| VOORZIENING PER 1 JANUARI Uitkeringen |
11.697 -622 |
12.072 -333 |
| Werkelijke werknemer bijdragen | 76 | 89 |
| Intrestlast | 101 | 101 |
| Aan het dienstjaar toegekende pensioenkosten | 464 | 536 |
| Werkelijke taksen betaald op bijdragen (exclusief intresten) | -89 | -102 |
| Actuariële winsten/ verliezen | 129 | -114 |
| Omrekeningsverschillen | -222 | -552 |
| VOORZIENING PER 31 DECEMBER | 11.535 | 11.697 |
| WIJZIGINGEN IN DE REËLE WAARDE VAN DE FONDSBELEGGINGEN | ||
| REËLE WAARDE FONDSBELEGGINGEN PER 1 JANUARI | 7.626 | 7.361 |
| Ontvangen stortingen | 808 | 929 |
| Uitkeringen | -622 | -333 |
| Intrest inkomsten | 68 | 64 |
| Actuariële winsten/verliezen | 145 | 117 |
| Werkelijke taksen betaald op bijdragen (exclusief intresten) | -89 | -102 |
| Werkelijke administratiekosten | -50 | -58 |
| Actuariële winsten/ verliezen | -144 | -353 |
| Correctie paragraaf 115 | 1.097 | 0 |
| REËLE WAARDE FONDSBELEGGINGEN PER 31 DECEMBER (*) | 8.839 | 7.626 |
| PENSIOENKOST OPGENOMEN IN DE WINST- EN VERLIESREKENING | ||
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten | -464 | -536 |
| Intrestlast | -101 | -101 |
| Verwachte intrest inkomsten | 68 | 64 |
| Administratiekosten | -50 | -58 |
| TOTALE PENSIOENKOST IN DE WINST- EN VERLIESREKENING (ZIE BIJLAGE 6) | -547 | -631 |
| PENSIOENKOST OPGENOMEN IN DE NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | ||
| Actuariële winsten en (verliezen) uit te bereiken doel pensioenplannen | -16 | -231 |
| TOTALE PENSIOENKOST IN DE NIET GEREALISEERDE RESULTATEN | -16 | -231 |
| BELANGRIJKSTE ACTUARIËLE VERONDERSTELLINGEN, UITGEDRUKT IN GEWOGEN GEMIDDELDEN | ||
| Verdisconteringsvoet op 31 december | 0,20% | 0,90% |
| Verwacht rendement op activa per 31 december | 0,20% | 0,90% |
| Toekomstige salarisverhogingen (inflatie inbegrepen) | (salary scales) | (salary scales) |
| Sterftetafels | Belgian (MR/FR) | Belgian (MR/FR) |
| Inflatie | 2% | 2% |
| VERWACHTE BIJDRAGE VOOR VOLGEND JAAR | ||
| Inschatting van bijdragen verwacht te betalen gedurende volgend jaar | 835 | 960 |
| OPDELING VAN FONDSBELEGGINGEN | ||
| Eigen vermogen instrumenten | 2% | 2% |
| Leningen | 87% | 90% |
| Vastgoed | 7% | 6% |
| Kasgelden | 4% | 2% |
(*) De fondsbeleggingen bevatten geen EXMAR aandelen en geen vastgoed door EXMAR in gebruik genomen.
2019 2018 VOORZIENINGEN Voorzieningen op lange termijn (*) 0 2.360 PER 1 JANUARI 0 2.360 Nieuwe voorzieningen 0 0 Terugname van voorzieningen (*) 0 -2.360 PER 31 DECEMBER 0 0 Voorzieningen op lange termijn (*) 0 0 PER 31 DECEMBER 0 0
(*) Ingevolge de bepalingen van het goedgekeurde partiële splitsing voorstel van CMB, heeft EXMAR 39% van de schadevordering van PSA tegen CMB voorzien. De provisie met betrekking tot deze claim werd geannuleerd in de resultatenrekening gedurende 2018 als gevolg van de bevestiging van PSA dat de schadevordering beëindigd werd.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| HANDELS- EN OVERIGE SCHULDEN | ||
| Handelsschulden | 24.658 | 24.772 |
| Overige schulden | 10.655 | 15.258 |
| Over te dragen opbrengsten (*) | 13.368 | 8.153 |
| 48.681 | 48.183 | |
| WAARVAN FINANCIËLE SCHULDEN (TOELICHTING 30) | 34.695 | 39.877 |
(*) De "over te dragen opbrengsten" omvatten reeds gefactureerde opbrengsten die betrekking hebben op volgende boekjaren, zoals huuropbrengsten, vrachten,...
De daling in de overige schulden tov 2018 wordt voornamelijk verklaard door de terugbetaling van de lening toegekend door RESLEA aan EXMAR. Deze terugbetaling is het gevolg van de verkoop van RESLEA aan CMB, we verwijzen in dit verband naar toelichting 10.
Over te dragen opbrengsten stijgen in vergelijking met 2018. Deze stijging wordt voornamelijk verklaard door de ontvangen vooruitbetaling (USD 3,3 miljoen) van Excelerate Energy. In februari 2019 heeft Excelerate Energy, via de respectievelijke ondernemingen die eigenaar zijn van elk schip, de scheepsbemanningsovereenkomsten voor hun 7 schepen dewelke gemanaged worden door EXMAR Shipmanagement opgezegd. In overeenstemming met de contractueel overeengekomen stopzetting clausules dient een opzegtermijn tot twee jaar in acht te worden genomen en is er een opzegvergoeding betaalbaar aan EXMAR. Een overgangsregeling, eigen aan de operaties van elk schip, en een betalingsschema van de opzegvergoeding werd overeengekomen tussen partijen einde 2019. De eerste vooruitbetaling van de opzegvergoeding werd ontvangen per 31 december 2019 en werd geregistreerd als over te dragen opbrengsten in de geconsolideerde balans per 31 december 2019. De opzegvergoeding zal erkend worden als overige bedrijfsopbrengsten in 2020 en/ of 2021 afhankelijk van de effectieve overgangsdatum voor elk schip eens EXMAR Shipmanagement aan alle prestatieverplichtingen heeft voldaan.
In zijn normale beleidsvoering is de Groep blootgesteld aan diverse risico's zoals beschreven in de Corporate Governance verklaring. De Groep is blootgesteld aan krediet-, intrest- , valuta- en liquiditeitsrisico's. Om deze risico's te beheersen, maakt de Groep gebruik van verschillende financiële instrumenten, voornamelijk intrestindekkingen gesitueerd binnen onze joint ventures. De Groep past hedge accounting toe voor alle transacties die voor hedge accounting in aanmerking komen (formele documentatie en effectiviteitstest bij aanvang en op voortdurende basis). Financiële instrumenten worden initieel gewaardeerd aan reële waarde. Vervolgens wordt het effectieve deel van de wijziging in reële waarde erkend in het eigen vermogen. Niet-effectieve delen van wijziging in reële waarde en wijzigingen in reële waarde van financiële instrumenten die niet voor hedge accounting in aanmerking komen, worden direct in de winst- en verliesrekening verwerkt.
De onderstaande tabel toont financiële activa en verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde, inclusief hun niveau in de reële waardehiërachie.
| Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| 31 DECEMBER 2019 | ||||
| Aandelen gewaardeerd aan FVTPL | 3.166 | 1.004 | 0 | 4.170 |
| TOTAAL FINANCIËLE ACTIVA GEWAARDEERD TEGEN REËLE WAARDE | 3.166 | 1.004 | 0 | 4.170 |
| TOTAAL FINANCIËLE PASSIVA GEWAARDEERD TEGEN REËLE WAARDE | 0 | 0 | 0 | 0 |
Alle andere financiële instrumenten dan de hierboven vermelde worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs.
Het kredietrisico wordt continu centraal opgevolgd door de Groep. Kredietwaardigheidscontroles worden uitgevoerd wanneer dit wenselijk wordt geacht. Op afsluitdatum werden geen noemenswaardige kredietwaardigheidsproblemen vastgesteld. De leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures omvatten aandeelhoudersleningen aan onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures dewelke een LPG-schip of Offshore platform exploiteren of bezitten. Alle schepen zijn operationeel en genereren inkomsten. Bijgevolg voorzien wij geen invorderingsproblemen met betrekking tot deze uitstaande leningen. De geassocieerde ondernemingen en joint ventures waarvan het aandeel in het eigen vermogen negatief is, worden toegewezen aan de andere componenten van het belang van de investeerder in de geassocieerde onderneming of joint venture. Wanneer het negatieve eigen vermogen dit belang overtreft, dan wordt een corresponderende verplichting geregistreerd in dit verband. De looptijd van de aandeelhoudersleningen wordt besproken in toelichting 17 van dit verslag.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| BOEKWAARDEN VAN DE FINANCIËLE ACTIVA | ||
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 49.979 | 54.203 |
| Overige investeringen - aandelen gewaardeerd aan FVTPL | 4.170 | 4.022 |
| Handels- en overige vorderingen | 34.607 | 60.940 |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 67.270 | 67.270 |
| Kas en kasequivalenten | 52.626 | 39.837 |
| 208.653 | 226.272 |
De boekwaarden van de financiële activa geven het maximale kredietrisico weer.
Aangezien het bedrag aan vervallen vorderingen niet materieel is, werd er geen gedetailleerde ouderdomsanalyse gemaakt. Er werden geen significante voorzieningen voor kredietverliezen opgezet op balansdatum en er werden geen belangrijke waarderverminderingen gerealiseerd tijdens het boekjaar.
De rentedragende leningen worden meestal onderhandeld met variabele rentevoeten. Om dit intrestrisico in te dekken, maakt de Groep gebruik van een aantal intrestindekkingsinstrumenten wanneer het management van mening is dat het voordelig is om dit te doen. Momenteel bestaan er geen IRS contracten in onze dochterondernemingen. Anderzijds bestaan er verschillende IRS ccontracten binnen onze joint ventures. De Groep past hedge accounting toe indien aan de voorwaarden wordt voldaan. Wanneer geen hedge accounting wordt toegepast, worden de wijzigingen in de reële waarde verwerkt in de winst- en verliesrekening.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| BLOOTSTELLING AAN HET RENTERISICO | ||
| Totaal rentedragende leningen (*) met vaste rente |
391.612 46.975 |
392.918 19.285 |
| met variabele rente: bruto risico | 344.637 | 373.633 |
| Intrestindekkinginstrumenten (nominale waarde) | 0 | 0 |
| NETTO BLOOTSTELLING | 344.637 | 373.633 |
(*) Het verschil tussen het hoger vermeld bedrag bij totale rentedragende leningen en de leningen zoals opgenomen in de balans heeft betrekking op transactiekosten aangaande de leningen, te betalen intresten dewelke toegewezen werden aan de leningen en de leasingschulden als gevolg van de implementatie van IFRS 16.
Bij een wijziging in de intrestvoet van 50 basispunten, zouden de cijfers worden beïnvloed met onderstaande bedragen (onder de veronderstelling dat de andere variabelen niet wijzigen):
| 2019 | 2018 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| + 50 bp | - 50 bp | + 50 bp | - 50 bp | ||
| GEVOELIGHEIDSANALYSE | |||||
| Rentedragende leningen (variabele rente) | -1.723 | 1.723 | -1.868 | 1.868 | |
| Intrest indekkingsinstrumenten | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| NETTO GEVOELIGHEID | -1.723 | 1.723 | -1.868 | 1.868 | |
| Effect op winst- en verliesrekening | -1.723 | 1.723 | -1.868 | 1.868 | |
| Effect op eigen vermogen | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| TOTAAL EFFECT | -1.723 | 1.723 | -1.868 | 1.868 |
Een belangrijk gedeelte van EXMAR's intrestopbrengsten zijn afkomstig van leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures met een variabele intrestvoet. Een stijging/ daling van de intrestvoet zou resulteren in een stijging/ daling van de intrestopbrengsten maar zou grotendeels geneutraliseerd worden door een stijging/ daling van de intrestkosten erkend door de joint venture/ geassocieerde onderneming voor het corresponderende bedrag. Overeenkomstig heeft elke stijging/ daling van de variabele intrestvoet van toepassing op leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures geen invloed op het netto resultaat van de Groep. Bijgevolg werden leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures niet opgenomen in bovenstaande gevoeligheidsanalyse.
Het valutarisico van de Groep wordt historisch gezien voornamelijk beïnvloed door de EUR/USD verhouding, voor de vergoeding van een deel van de bemanning van de vloot in EUR, en voor de betaling van de salarissen en andere personeelsgerelateerde kosten in EUR. EXMAR Nederland BV heeft succesvol een nieuwe obligatielening uitgegeven in 2019 voor een bedrag van NOK 650 miljoen. De Groep maakt gebruik van diverse koersindekkingsinstrumenten wanneer noodzakelijk geacht. Per 31 december 2019 en per 31 december 2018 staan er geen valutatermijncontracten open om de EURO/USD of de NOK/USD positie in te dekken.
Blootstelling aan het valutarisico, gebaseerd op nominale bedragen in duizenden in vreemde munt:
| 2019 | 2018 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| EUR | NOK | SGD | ARS | EUR | NOK | GBP |
| Vorderingen | 11.489 | 70 | 0 | 98.173 | 12.576 | 0 | 0 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Schulden | -16.045 | -107 | -1.501 | -19.924 | -19.632 | -70 | -583 |
| Rentedragen leningen | 0 | -650.000 | 0 | 0 | -14 | -912.450 | 0 |
| RISICO | -4.556 | -650.037 | -1.501 | 78.249 | -7.070 | -912.520 | -583 |
| IN DUIZENDEN USD | -5.118 | -74.039 | -1.116 | 1.307 | -8.095 | -105.031 | -746 |
Een toename van 10% van de EUR/USD slotkoers zou het overzicht van gerealiseerde resultaten van 2019 beïnvloeden met USD -0,5 miljoen (2018: USD -0,8 miljoen). Een daling van de EUR/USD slotkoers met 10% zou het overzicht van gerealiseerde resultaten met eenzelfde bedrag (tegenovergesteld teken) beïnvloeden.
De NOK/ USD verhouding op de uitstaande obligatielening in NOK is niet ingedekt door financiële instrumenten. Een toename van 10% van de NOK/USD slotkoers zou het overzicht van gerealiseerde resultaten van 2019 beïnvloeden met USD -7,4 miljoen (2018: -10,5 miljoen). Een daling van de NOK/USD slotkoers met 10% zou het overzicht van gerealiseerde resultaten met eenzelfde bedrag (tegenovergesteld teken) beïnvloeden.
De Groep beheert haar liquiditeitsrisico om zo aan haar financiële verplichtingen op vervaldag te voldoen. Het liquiditeitsrisico wordt beheerd door een continue opvolging van kasstroomprojecties, toetsing van liquiditeitsratio's aan interne en externe verplichtingen en door het aanhouden van diverse financieringsbronnen met adequate back up faciliteiten. Verschillende lening convenanten zijn eveneens van toepassing en vereisen naleving van bepaalde financiële ratio's. Per 31 december 2019 voldeed EXMAR aan de van toepassing zijnde convenanten. We verwijzen in dit verband eveneens naar toelichting 25 aangaande leningen en naar toelichting 32 aangaande investeringsverplichtingen.
Onze verplichtingen op korte termijn zoals handelsschulden en overige schulden worden verwacht betaald te zijn in de komende twaalf maanden en werden bijgevolg niet opgenomen in onderstaande tabel. De contractuele looptijd van onze financiële verplichtingen en leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures, inclusief verwachte intrestbetalingen, wordt weergegeven in onderstaande tabel. De contractuele looptijd van onze financiële schulden is gebaseerd op de contractuele aflossingstabellen van de leningen. Het overbruggingskrediet en de opgenomen kredietlijnen werden niet opgenomen in de onderstaande tabellen. De contractuele looptijd van onze leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures is gebaseerd op de contractuele aflossingstabel van deze lening voor de Electra Offshore Ltd faciliteit en op toekomstige cash flow projecties voor de EXMAR LPG aandeelhouderslening. EXMAR heeft ook garanties toegekend aan bankinstellingen dewelke leningen hebben toegekend aan haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures. Het bedrag dat EXMAR kan moeten betalen wanneer de garantie wordt aangewend is toegelicht in onderstaande tabel onder garanties.
| Contractuele kasstromen | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Munt | Intrestvoet | Looptijd | Boekwaarde | Totaal | 0-12 mndn | 1-2 jaar | 2-5 jaar | > 5 jaar | |
| PER 31 DECEMBER 2018 | |||||||||
| NIET-AFGELEIDE FINANCIËLE VERPLICHTINGEN |
|||||||||
| Bankleningen | USD | libor + 3% | 2019- 2020 |
-19.891 | -20.549 | -16.105 | -4.444 | 0 | 0 |
| Bankleningen/overige leningen | USD libor + 2,4% | 2023- 2024- 2025 |
-66.278 | -76.272 | -10.362 | -10.390 | -33.843 | -21.677 | |
| Bankleningen | USD | libor + 3% | 2029 | -177.353 | -255.251 | -27.205 | -27.264 | -77.514 | -123.268 |
| Obligatielening | NOK | Nibor + 8% Libor +8,5% |
2019 | -123.295 | -130.633 | -130.633 | 0 | 0 | 0 |
| Overige bankleningen | EUR | -50 | -60 | -38 | -22 | 0 | 0 | ||
| -386.867 | -482.765 | -184.343 | -42.120 | -111.357 | -144.945 | ||||
| LENINGEN AAN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES |
USD | 54.203 | 72.168 | 7.502 | 6.458 | 37.749 | 20.459 | ||
| FINANCIËLE GARANTIES | USD | 0 | -318.538 | -60.511 | -29.875 | -153.923 | -74.229 | ||
| Munt | Intrestvoet | Looptijd | Nominaal bedrag | Totaal | 0-12 mndn | Contractuele kasstromen 1-2 jaar |
2-5 jaar | > 5 jaar | |
| PER 31 DECEMBER 2019 NIET-AFGELEIDE FINANCIËLE VERPLICHTINGEN |
|||||||||
| Bankleningen/overige leningen | USD | libor + 2,4% |
2023- 2024- 2025 |
-98.916 | -108.078 | -16.454 | -16.529 | -58.880 | -16.215 |
| Bankleningen | USD | libor + 3% | 2019 | -166.667 | -212.850 | -24.884 | -23.681 | -68.159 | -96.126 |
| Obligatielening | NOK | Nibor + 8,75% |
2022 | -74.029 | -93.825 | -7.950 | -7.919 | -77.956 | 0 |
| Overige leningen | USD | 10,75% | 2021 | -20.000 | -23.303 | -2.037 | -21.266 | 0 | 0 |
| Leasingschulden gebruiksrechten | USD | -18.371 | -18.834 | -16.742 | -1.106 | -986 | 0 | ||
| Leasingschulden gebruiksrechten | EUR | -3.111 | -3.248 | -1.704 | -844 | -508 | -192 | ||
| Leasingschulden gebruiksrechten | SGD | -42 | -44 | -33 | -1 | -9 | 0 | ||
| Leasingschulden gebruiksrechten | INR | -142 -381.277 |
-168 -460.350 |
-45 -69.850 |
-47 -71.394 |
-75 -206.573 |
0 -112.533 |
FINANCIËLE GARANTIES USD 0 -271.678 -35.506 -149.129 -19.476 -67.567
| 2019 | 2018 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Hiërarchie in reële waarde(*) |
Boekwaarde | Reële waarde | Boekwaarde | Reële waarde | |
| BOEKWAARDEN VERSUS REËLE WAARDEN | |||||
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 2 | 49.979 | 46.605 | 54.203 | 50.188 |
| Aandelen gewaardeerd aan FVTPL | 1/2 | 4.170 | 4.170 | 4.022 | 4.022 |
| Rentedragende leningen | 2 | -405.433 | -426.676 | -386.867 | -396.650 |
| -351.284 | -375.901 | -328.642 | -342.440 |
(*) De financiële activa en verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde worden geanalyseerd en krijgen een hiërarchie toegekend ter bepaling van de reële waarde: niveau 1 zijnde genoteerde prijzen in actieve markten van identieke activa of verplichtingen, niveau 2 zijnde andere dan genoteerde waarden begrepen in niveau 1 welke toch direct of indirect waarneembaar zijn voor de activa en verplichtingen, hetzij direct (als prijzen) hetzij indirect (afgeleid van prijzen) en niveau 3 zijnde waarden welke niet op waarneembare marktwaarden gebaseerd zijn. De opsplitsing tussen niveau 1 en niveau 2 voor aandelen gewaardeerd aan FVTPL wordt weergegeven in het begin van deze toelichting.
| BASIS VOOR BEPALING VAN REËLE WAARDE: | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Aandelen gewaardeerd aan FVTPL | genoteerde biedkoers op balansdatum voor Teeky aandelen en Frontera aandelen/ niet genoteerde fixing op balansdatum via een openbare veiling via Euronext voor Sibelco aandelen |
||||
| Leningen | contante waarde van toekomstige kasstromen, verdisconteerd aan marktconforme intrestvoeten | ||||
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures |
contante waarde van toekomstige kasstromen, verdisconteerd aan marktconforme intrestvoeten | ||||
Voor bepaalde financiële activa en verplichtingen (handelsvorderingen en overige vorderingen, kas en kasequivalenten en handelsschulden en overige schulden) dewelke niet gewaardeerd worden aan reële waarde, wordt geen reële waarde toegelicht aangezien de boekwaarde een goede benadering is van de reële waarde.
We verwijzen eveneens naar de waarderingsregels - sectie wijzigingen in waarderingsregels en sectie Leasing.
De Groep huurt verschillende activa, waaronder gebouwen, motorvoertuigen en IT-materiaal.
| Gebouwen | Motor voertuigen |
IT-materiaal | Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| GEBRUIKSRECHTEN | ||||
| BALANS PER 1 JANUARI 2019 | 5.529 | 6.901 | 596 | 13.026 |
| BALANS PER 31 DECEMBER 2019 | 3.981 | 1.720 | 410 | 6.111 |
Voor de volledige mutatietabel met betrekking tot de gebruiksrechten inclusief de geboekte afschrijvingen van het boekjaar verwijzen we naar toelichting 14.
| 2019 | |
|---|---|
| LEASING ONDER IFRS 16 | |
| Intrestkosten op leasingschulden Kosten met betrekking tot korte termijn leasingcontracten Kosten met betrekking tot leasing van niet-significante activa |
1.392 0 0 |
| OPERATIONELE LEASING ONDER IAS 17 | 2018 |
| Leasingkosten | 2.178 |
De leasingcontracten omvatten geen verlengings- of beëindigingsopties.
Voor de looptijdanalyse van de gerelateerde leasing schulden verwijzen we naar toelichting 30.
De Groep verhuurt een significant deel van haar schepen. Voor wat betreft de leasing classificatie werd beoordeeld dat alle risico's en voordelen binnen de Groep blijven. Als gevolg hiervan kwalificeren deze overeenkomsten als operationele huurovereenkomsten. De waarderingsregels voor contracten waar de Groep optreedt als leasinggever zijn niet verschillend van deze onder IAS 17.
Huurinkomsten erkend door de Groep gedurende 2019 bedroegen USD 51,4 miljoen ( 2018: 33,6 miljoen).
Onderstaande tabel toont de looptijdanalyse van de leasebetalingen. Er werden geen variabele leasebetalingen opgenomen.
| 2019 | |
|---|---|
| OPERATIONELE LEASING ONDER IFRS 16 | |
| Minder dan één jaar | 76.636 |
| Eén tot twee jaar | 68.783 |
| Twee tot drie jaar | 68.783 |
| Drie tot vier jaar | 68.783 |
| Vier tot vijf jaar | 68.783 |
| Meer dan vijf jaar | 310.114 |
| TOTAAL | 661.882 |
| 2018 | |
| OPERATIONELE LEASING ONDER IAS 17 | |
| Minder dan één jaar | 67.812 |
| Tussen één en vijf jaar | 276.079 |
| Meer dan vijf jaar | 378.896 |
| TOTAAL | 722.787 |
Per 31 december 2019 zijn de investeringsverplichtingen zoals onder weergegeven:
| Dochter - ondernemingen |
Joint ventures & geassocieerde ondernemingen |
|
|---|---|---|
| INVESTERINGSVERPLICHTINGEN | ||
| Shipping segment | 139.516 | 0 |
| 139.516 | 0 | |
In maart 2018 kondigde EXMAR aan dat het bij Hanjin Heavy Industries & Construction in Subic Bay (Filippijnen) twee nieuwe VLGC-tankers met LPG als brandstof had besteld, voor de uitvoering van verbintenissen op lange termijn met het Noorse Equinor ASA voor het wereldwijde transport van LPG.
In januari 2019 vroeg Hanjin Heavy Industries & Construction in Subic Bay een gerechtelijk akkoord aan wegens financiële moeilijkheden. Dit veroorzaakte een vertraging in het bouwproces die EXMAR verplichtte om de twee scheepsbouwcontracten op te zeggen en een beroep te doen op de terugbetalingsgarantie van de Korean Development Bank om de al gestorte vooruitbetalingen te recupereren. Deze vooruitbetalingen (USD 27,2 miljoen) werden terugbetaald gedurende de eerste helft van 2019 samen met een intrest van 6%.
Om haar verbintenissen op lange termijn jegens het Noorse Equinor ASA na te leven heeft EXMAR een contract afgesloten met Jiangnan scheepswerf (China) voor de bouw van 2 VLGC's met LPG als brandstof. Deze contracten werden eveneens gedekt door een terugbetalingsgarantie. De levering van deze schepen wordt verwacht plaats te vinden in het tweede kwartaal van 2021.
(*) Het betalingsschema van de 2 VLGC-nieuwbouwschepen in aanbouw is als volgt:
| Tijdstip | in duizenden USD |
|---|---|
| 2020 (**) | 15.470 |
| 2021 bij levering | 124.046 |
| TOTAAL | 139.516 |
(**) betaald per 22 januari 2020
In september 2019 heeft GUNVOR EXMAR in kennis gesteld van een geschil met betrekking tot de FSRU, de arbitrage procedure werd opgestart. Deze arbitrage procedure kan verschillende maanden duren. Het management veronderstelt dat deze charterovereenkomst onverminderd van kracht blijft en dat de ontvangen huurgelden effectief verworven zijn en niet dienen te worden teruggestort.
EXMAR NV heeft een belastingaanslag van USD 1 miljoen ontvangen met betrekking tot de behandeling van uitgekeerde vergoedingen. Volgens het lokale management is de ontvangen aanslag niet geldig en bijgevolg werd een belastingvordering gelijk aan de belastingverplichting geregistreerd in de geconsolideerde cijfers per 31 december 2019.
Meerdere ondernemingen van de Groep zijn betrokken in een aantal kleinere juridische geschillen voortkomend uit de uitoefening van hun dagelijks beheer. Het bestuur verwacht niet dat de uitslag van deze procedures een materieel effect op de financiële positie van de Groep zal hebben.
We verwijzen in dit verband eveneens naar het remuneratieverslag (voor het remuneratiebeleid) en naar het Verslag van de Raad van Bestuur (voor informatie met betrekking tot belangenconflicten).
De meerderheidsaandeelhouder van EXMAR NV, Saverex NV, legt een geconsolideerde jaarrekening, beschikbaar in België, neer. Saverex NV wordt gecontroleerd door Mr. Nicolas Saverys (CEO van EXMAR).
Saverbel NV en Saverex NV, beide gecontroleerd door Nicolas Saverys (CEO van EXMAR), rekende voor administratieve prestaties geleverd in 2019 KEUR 453 (2018: KEUR 392) aan aan de Groep. De uitstaande schuld op jaareinde in dit verband bedroeg KEUR 20 (2018: KEUR 72).
EXMAR Shipmanagement rekende KEUR 669 aan aan Saverex voor scheepsbemannings en -onderhoud diensten met betrekking tot het schip "Douce France" (2018: KEUR:464). De uitstaande schuld op jaareinde in dit verband bedraagt KEUR 0 (2018: KEUR 174).
In 2019 werd er 122 KEUR gefactureerd aan de heer Nicolas Saverys als gevolg van door te rekenen privé uitgaven. Het openstaand saldo hieraan gerelateerd per 31 december 2019 bedraagt 5,5 KEUR. Per 31 december 2018 werd er een provisie gevormd met betrekking tot deze door te rekenen privé uitgaven voor een bedrag van KEUR 397.
EXMAR levert algemene diensten, boekhoudkundige diensten, management diensten, bouwtoezicht diensten en scheepsbemannings en -onderhoud diensten aan aan haar joint ventures en geassocieerde ondernemingen. Voor al deze diensten worden vergoedingen aangerekend aan de joint ventures en geassocieerde ondernemingen gebaseerd op contracten tussen alle betrokken partijen. Onderstaande tabel geeft een overzicht van alle significante vorderingen, significante schulden en de gerelateerde bedragen geregistreerd in het overzicht van gerealiseerde resultaten als gevolg van geleverde diensten.
| Vorderingen per 31/12/2018 |
Schulden per 31/12/2018 |
Geleverde diensten 2018 |
Ontvangen diensten 2018 |
|
|---|---|---|---|---|
| DIENSTEN (IN DUIZENDEN EUR) | ||||
| Scheepsbemannings en -onderhoud diensten | 579 | 89 | 12.336 | 0 |
| Algemene, boekhoudkundige en managementdiensten | 0 | 5.200 | 976 | 0 |
| Bouwtoezicht diensten | 36 | 0 | 940 | 0 |
| Verhuurdiensten | 0 | 0 | 0 | 1.238 |
| Vorderingen per 31/12/2019 |
Schulden per 31/12/2019 |
Geleverde diensten 2019 |
Ontvangen diensten 2019 |
|
| DIENSTEN (IN DUIZENDEN EUR) | ||||
| Scheepsbemannings en -onderhoud diensten | 1.378 | 37 | 13.625 | 0 |
| Algemene, boekhoudkundige en managementdiensten | 873 | 0 | 722 | 0 |
| Bouwtoezicht diensten | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Verhuurdiensten en overige diensten | 0 | 0 | 0 | 1.040 |
EXMAR verstrekt eveneens leningen aan haar joint ventures en geassocieerde ondernemingen waarvoor intrestopbrengsten geregistreerd werden in de cijfers. We verwijzen in dit verband naar toelichting 17 voor een overzicht van deze leningen en naar toelichting 8 voor het totaal bedrag van deze intrestopbrengsten.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| RAAD VAN BESTUUR (IN DUIZENDEN EUR) | ||
| Voorzitter | 100 | 100 |
| Andere leden (individueel bedrag) | 50 | 50 |
| Totaal betaald (*) | 485,6 | 500 |
(*) Het totaal bedrag betaald aan de leden van de Raad van Bestuur betreft het bedrag aan vergoedingen aan niet uitvoerende en onafhankelijke bestuurders. De bestuurders die deel uitmaken van het directiecomité en als dusdanig werden vergoed hebben verzaakt aan de vergoeding als bestuurder. Er werden geen voorschotten toegekend. Het openstaand saldo met betrekking tot doorgerekende privé-uitgaven aan meneer Nicolas Saverys per 31 december 2019 bedraagt 5,5 KEUR. Per 31 december 2018 werd er een provisie gevormd met betrekking tot deze door te rekenen privé-uitgaven voor een bedrag van KEUR 397.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| AUDITCOMITÉ (IN DUIZENDEN EUR) | ||
| Voorzitter Andere leden (individueel bedrag) |
20 10 |
20 10 |
| Totaal betaald | 50 | 50 |
| Benoemings- en remuneratiecomité | ||
| 2019 | 2018 | |
| BENOEMINGS- EN REMUNERATIECOMITÉ (IN DUIZENDEN EUR) | ||
| Leden (individueel bedrag) | 10 | 10 |
Totaal betaald 30 30
De vergoeding van de leden van het directiecomité wordt jaarlijks vastgelegd door de Raad van Bestuur op voorstel van het benoemings- en remuneratiecomité. De remuneratie bestaat uit een vast gedeelte en een variabel gedeelte. Het variabel gedeelte is afhankelijk van de resultaten van de Groep.
Einde 2019 telde het directiecomité 4 leden (exclusief de CEO). Alle leden van het directiecomité (inclusief de CEO) hebben het statuut van zelfstandige. Zij hebben in het geval van beëindiging van hun mandaat geen recht op enige vorm van verbrekingsvergoeding. Drie leden van het directiecomité worden vertegenwoordigd door hun management vennootschap. In het geval van beëindiging van hun mandaat door EXMAR zou FLX Consultancy BVBA (vertegenwoordigd door Jonathan Raes) recht hebben op een vergoeding die overeenstemt met negen maanden loon, Chirmont NV (vertegenwoordigd door Miguel De Potter) op een vergoeding die overeenstemt met drie maanden loon en Lisann AS (vertegenwoordigd door Yens Ismar) op een vergoeding die overeenstemt met drie maanden loon.
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| DIRECTIECOMITÉ, EXCLUSIEF CEO (IN DUIZENDEN EUR) | ||
| Totaal vaste vergoeding | 2.493 | 2.366 |
| waarvan voor pensioenplannen en verzekering | 265 | 333 |
| waarvan waarde van opties | 0 | 0 |
| Totaal variabele vergoeding | 0 | 625 |
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| CEO (IN DUIZENDEN EUR) | ||
| Totaal vaste vergoeding | 998 | 997 |
| waarvan voor pensioenplannen en verzekering | 175 | 174 |
| waarvan waarde van opties | 0 | 0 |
| Totaal variabele vergoeding | 0 | 1.100 |
Aan de leden van het directiecomité werden geen leningen toegestaan in 2019. Het openstaand saldo met betrekking tot doorgerekende privéuitgaven aan meneer Nicolas Saverys per 31 december 2019 bedraagt 5,5 KEUR. Per 31 december 2018 werd er een provisie gevormd met betrekking tot deze door te rekenen privé uitgaven voor een bedrag van KEUR 397.
De leden van het directiecomité behoren tot de begunstigden van de 4 aandelenoptieplannen, goedgekeurd door de Raad van Bestuur. Het gecumuleerd aantal opties (plan 4 en plan 8 tot 10) dat aan de leden werd toegekend is als volgt:
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| AANTAL TOEGEKENDE OPTIES | ||
| Nicolas Saverys | 198.624 | 227.553 |
| Patrick De Brabandere | 134.464 | 156.160 |
| Pierre Dincq | 100.847 | 108.982 |
| Marc Nuytemans | 90.000 | 90.000 |
| Miguel de Potter | 90.000 | 90.000 |
| David Lim | 97.232 | 104.464 |
| Jonathan Raes | 2.500 | 2.500 |
| 713.667 | 779.659 |
Een aantal bestuurders en managers, of hun directe familieleden, betrekken functies in andere vennootschappen over de welke zij controle of gezamenlijke controle uitoefenen. Geen van deze vennootschappen hebben transacties uitgevoerd met de Groep gedurende het boekjaar.
118
EXMAR VERSLAG 2019
| Ondernemings | Consolidatie | Belang | |||
|---|---|---|---|---|---|
| Land van vestiging | nummer | methode | 2019 | 2018 | |
| GECONSOLIDEERDE VENNOOTSCHAPPEN | |||||
| JOINT VENTURES | |||||
| Estrela Ltd | Hong Kong | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | |
| EXMAR Gas Shipping Ltd | Hong Kong | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | |
| EXMAR LPG BVBA | België | 0501.532.758 | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% |
| EXMAR Shipping BVBA | België | 0860.978.334 | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% |
| Good Investment Ltd | Hong Kong | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | |
| Monteriggioni Inc. | Liberië | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | |
| Reslea NV (*) | België | 0435.390.141 | Vermogensmutatie | 0,00% | 50,00% |
| Solaia Shipping Llc | Liberië | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | |
| GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN |
|||||
| Bexco NV | België | 0412.623.251 | Vermogensmutatie | 44,91% | 44,91% |
| Bureau International Maritime NV (*) | België | 0462.574.489 | Vermogensmutatie | 0,00% | 40,00% |
| Bureau International Maritime Congo (*) | Congo | Vermogensmutatie | 0,00% | 40,00% | |
| Compagnie Parisienne Formation et Logistique (*) |
Frankrijk | Vermogensmutatie | 0,00% | 40,00% | |
| Electra Offshore Ltd | Hong Kong | Vermogensmutatie | 40,00% | 40,00% | |
| Exview Hong Kong Ltd | Hong Kong | Vermogensmutatie | 40,00% | 40,00% | |
| Marpos NV | België | 0460.314.389 | Vermogensmutatie | 45,00% | 45,00% |
| Springmarine Nigeria Ltd | Nigerië | Vermogensmutatie | 40,00% | 40,00% | |
| DOCHTERONDERNEMINGEN | |||||
| Ahlmar Germany GmbH | Duitsland | Integraal | 100,00% | 60,00% | |
| Ahlmar SA (*) | Luxemburg | Integraal | 0,00% | 60,00% | |
| Ahlmar Ship Management NV | België | 0676.847.588 | Integraal | 100,00% | 60,00% |
| Best Progress International Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Croxford Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| DV Offshore SAS | Frankrijk | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| ECOS SRL | Italië | Integraal | 60,00% | 60,00% | |
| EXMAR Argentina (**) | Argentinië | Integraal | 100,00% | 0,00% | |
| EXMAR Energy France | Frankrijk | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR Energy Hong Kong Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR Energy Netherlands BV | Nederland | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR Energy Services BV | Nederland | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR Export Netherlands | Nederland | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR FSRU Hong Kong Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR Holdings Ltd | Liberië | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR Hong Kong Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR LNG Holding NV | België | 0891.233.327 | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR LNG Investments Ltd | Liberië | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR Lux SA | Luxemburg | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR Marine NV | België | 0424.355.501 | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Netherlands BV | Nederland | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR NV | België | 0860.409.202 | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Offshore Company | USA | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR Offshore Ltd | Bermuda | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR Offshore Services SA | Luxemburg | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR Offshore NV | België | 0882.213.020 | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Singapore Pte Ltd | Singapore | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR Shipmanagement NV | België | 0442.176.676 | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Shipmanagement India Private Ltd | India | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR Shipping USA Inc | USA | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR Small Scale LPG NL BV | Nederland | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR Small Scale LPG HK Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| EXMAR Small Scale LPG BE NV | België | 0713.409.957 | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Ondernemings Consolidatie |
Belang | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Land van vestiging | nummer | methode | 2019 | 2018 | |||
| GECONSOLIDEERDE VENNOOTSCHAPPEN | |||||||
| EXMAR (UK) Shipping Company Ltd | Verenigd Koninkrijk | Integraal | 100,00% | 100,00% | |||
| EXMAR VLGC BV (**) | België | 0739.802.370 | Integraal | 100,00% | 0,00% | ||
| EXMAR Yachting NV | België | 0546.818.692 | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Export LNG Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | |||
| Farnwick Shipping Ltd (***) | Liberië | Integraal | 0,00% | 100,00% | |||
| Franship Offshore Lux SA | Luxemburg | Integraal | 100,00% | 100,00% | |||
| Fertility Development Co. Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | |||
| Glory Transportation Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | |||
| Hallsworth Marine Co. | Liberië | Integraal | 100,00% | 100,00% | |||
| Internationaal Maritiem Agentschap NV | België | 0404.507.915 | Integraal | 99,03% | 99,03% | ||
| Laurels Carriers Inc | Liberië | Integraal | 100,00% | 100,00% | |||
| Seavie Private Ltd | India | Integraal | 100,00% | 100,00% | |||
| Talmadge Investments Ltd | British Virgin Islands | Integraal | 100,00% | 100,00% | |||
| Tecto Cyprus Ltd | Cyprus | Integraal | 100,00% | 100,00% | |||
| Tecto Luxembourg SA | Luxemburg | Integraal | 100,00% | 100,00% | |||
| Travel Plus NV | België | 0442.160.147 | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Universal Crown Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | |||
| Vine Navigation Co. (***) | Liberië | Integraal | 0,00% | 100,00% |
(*) De ondernemingen aangeduid met een (*) werden verkocht gedurende het boekjaar. We verwijzen naar toelichting 10 voor meer informatie in dit verband.
(**)De ondernemingen aangeduid met een (**) werden opgericht gedurende het boekjaar.
(***) De ondernemingen aangeduid met een (***) werden geliquideerd gedurende het boekjaar.
| Slotkoersen | Gemiddelde koersen | ||
|---|---|---|---|
| 2019 | 2018 | 2019 | 2018 |
| WISSELKOERSEN | ||||
|---|---|---|---|---|
| EUR | 0,8902 | 0,8734 | 0,8918 | 0,8447 |
| GBP | 0,7573 | 0,7812 | 0,7844 | 0,7478 |
| HKD | 7,7865 | 7,8319 | 7,8370 | 7,8371 |
| NOK | 8,7803 | 8,6885 | 8,7857 | 8,1245 |
| ARS | 59,8700 | NVT | 47,1800 | NVT |
| KRW | 1.153,8900 | NVT | 1.160,8300 | NVT |
Alle gehanteerde wisselkoersen worden uitgedrukt ten opzichte van de USD.
De wereldwijde vergoeding voor audit en overige werkzaamheden uitgevoerd door de commissaris of de aan hen gerelateerde personen of vennootschappen kan als volgt worden gedetailleerd:
| 2019 | 2018 | |
|---|---|---|
| VERGOEDING AAN DE COMMISSARIS | ||
| Audit van de jaarrekeningen | 457 | 384 |
| Audit gerelateerde diensten | 130 | 3 |
| Fiscale dienstverlening | 124 | 89 |
| 711 | 476 |
Voor 2019 en 2018 overtreffen de non-audit diensten de audit diensten niet.
Op 26 februari 2020 heeft de Bank of China USD 40 miljoen vrijgegeven van de geblokkeerde rekening (debt service reserve account ) met betrekking tot de financiering van de TANGO FLNG. De vrijgave van het geblokkeerde bedrag is een gevolg van de stabiele operationele resultaten gerealiseerd door de TANGO FLNG die sinds september 2019 onder de 10-jarige charterovereenkomst met YPF S.A. tewerkgesteld is. Het bedrag van 40 miljoen werd gedeeltelijk aangewend voor de terugbetaling van de overbruggingskredieten en om te voldoen aan EXMAR's investeringsverplichtingen.
Het schip TEMSE welke eigendom is van één van onze joint ventures, werd geregistreerd als vaste activa aangehouden voor verkoop als gevolg van lopende onderhandelingen met een potentiële koper. Een waardevermindering van in totaal USD 1,3 miljoen (aandeel EXMAR: USD 0,65 miljoen) werd geregistreerd in het overzicht van gerealiseerde resultaten om de marktwaarde van het schip te weerspiegelen (USD 4,65 miljoen voor 100%).
Een aankoopverplichting voor een vliegtuig werd geregistreerd als gevolg van een contract modificatie. In de loop van 2019 werd een waardevermindering van USD 4,7 miljoen geregistreerd in het overzicht van gerealiseerde resultaten om de huidige marktwaarde van het actief te weerspiegelen. Per 31 december 2019 werd het vliegtuig gepresenteerd als vast actief aangehouden voor verkoop in de geconsolideerde balans als gevolg van de intentie van het management om het vliegtuig te verkopen. Per 26 februari 2020 werd het vliegtuig aangekocht voor een bedrag van USD 15,4 miljoen.
De COVID-19 uitbraak veroorzaakt veel onzekerheid in de wereld. Verschillende operationele maatregelen aan wal en aan boord werden genomen door EXMAR om de veiligheid en het welzijn van ons personeel, alsook de continuïteit van onze operaties te verzekeren. De meerderheid van onze activa worden momenteel uitgebaat onder middellange of lange termijncontracten. We zijn echter onderhevig aan bepaalde risico's volgend op de gewijzigde marktomstandigheden. Wij zijn echter ook onderhevig aan bepaalde risico's met betrekking tot onze contractuele tegenpartijen en het niet-naleven van de verplichtingen door deze tegenpartijen kan mogelijkerwijs leiden tot verliezen of een impact hebben op onze liquiditeitspositie. EXMAR blijft de situatie nauwgezet opvolgen.
De belangrijke schattingen en oordelen die een risico kunnen inhouden van materiële aanpassing van de boekwaarden van activa en verplichtingen binnen het volgende boekjaar worden hieronder vermeld.
Gedurende de laatste maanden is de liquiditeitspositie van EXMAR van nabij opgevolgd alsook positief geëvolueerd onder meer door:
* Op 26 februari 2020 heeft de Bank of China USD 40 miljoen vrijgegeven van de geblokkeerde rekening (debt service reserve account ) met betrekking tot de financiering van de TANGO FLNG. De vrijgave van het geblokkeerde bedrag is een gevolg van de stabiele operationele resultaten gerealiseerd door de TANGO FLNG die sinds september 2019 onder de 10-jarige charterovereenkomst met YPF S.A. tewerkgesteld is. Het bedrag van 40 miljoen werd gedeeltelijk aangewend voor de terugbetaling van de overbruggingskredieten en om te voldoen aan EXMAR's investeringsverplichtingen.
* EXMAR heeft USD 20 miljoen voor-financiering van Maritime Asset Partners (MAP) verkregen en opgenomen in december 2019 ter gedeeltelijke betaling van voorschotten op de bouw van twee VLGC schepen in aanbouw.
De Vennootschap is van mening dat, rekening gehouden met haar beschikbare liquiditeiten en met inbegrip van niet-gebruikte gecommitteerde faciliteiten, op datum van opmaak van de geconsolideerde financiële cijfers, haar geprojecteerde kasstromen gebaseerd op goedgekeurde budgetten alsook rekening houdend met de liquiditeitsimpact van een aantal elementen dewelke hieronder worden opgesomd, er voldoende liquiditeiten zijn om aan de bestaande verplichtingen te voldoen en te voorzien in haar werkkapitaalbehoeften voor een periode van tenminste 12 maanden te rekenen vanaf de datum van goedkeuring van het jaarverslag.
De geconsolideerde cijfers per 31 december 2019 werden opgemaakt op basis van het principe van continuïteit (-going concern). De belangrijkste veronderstellingen en onzekerheden voor EXMAR dewelke aan de basis liggen van de continuïteitsbeoordeling hebben betrekking op onderstaande zaken:
* In september 2019 heeft GUNVOR EXMAR in kennis gesteld van een dispuut met betrekking tot de charterovereenkomst tussen beide partijen en de arbitrage procedure die hieromtrent werd opgestart. Deze arbitrage procedure kan verschillende maanden duren. Het management veronderstelt dat deze charterovereenkomst onverminderd van kracht blijft en dat de ontvangen huurgelden effectief verworven zijn en niet dienen te worden teruggestort.
* EXMAR veronderstelt dat een financiering bij oplevering zal worden bekomen, voor de betaling van de resterende saldi in april en juni 2021 voor de twee "VLGC"-schepen in aanbouw bij Jiangnan (USD 62 miljoen per schip) alsook voor de terugbetaling van de voorfinanciering.
* De van YPF ontvangen vergoedingen met betrekking tot het platform TANGO FLNG worden betaald op een geblokkeerde rekening bij de Bank of China, de kredietverlener van de financiering met betrekking tot de TANGO FLNG. Het management veronderstelt dat de Bank of China haar akkoord zal verlenen om surplus liquiditeiten op te nemen, na gedane betalingen met betrekking tot de periodieke schuldaflossing.
* De COVID-19 uitbraak veroorzaakt veel onzekerheid in de wereld. Verschillende operationele maatregelen aan wal en aan boord werden genomen door EXMAR om de veiligheid en het welzijn van ons personeel, alsook de continuïteit van onze operaties te verzekeren. De meerderheid van onze activa worden momenteel uitgebaat onder middellange of lange termijncontracten. We zijn echter onderhevig aan bepaalde risico's volgend op de gewijzigde marktomstandigheden. Wij zijn echter ook onderhevig aan bepaalde risico's met betrekking tot onze contractuele tegenpartijen en het niet-naleven van de verplichtingen door deze tegenpartijen kan mogelijkerwijs leiden tot verliezen of een impact hebben op onze liquiditeitspositie. EXMAR blijft de situatie nauwgezet opvolgen.
In het kader van haar aanhoudende operationele uitdagingen en de gerelateerde druk op haar financiële positie, volgt de onderneming het naleven van de financiële convenanten strikt op. De onderneming voldeed aan al haar financiële convenanten per 31 december 2019 en de volgende testdatum met betrekking tot de financiële toestand per eind juni 2020 is voorzien in september 2020. EXMAR is van mening dat rekening houdend met de vooruitzichten voor de rest van het jaar, en meer specifiek dankzij de te genereren inkomsten door de TANGO FLNG en de FSRU-barge, aan alle convenanten zal voldaan zijn per juni 2020 en per december 2020. EXMAR houdt nauw toezicht of er aan alle convenanten wordt voldaan. Indien er zich een inbreuk op de convenanten zou voordoen zal de Vennootschap aan de verschillende kredietverstrekkers een waiver vragen en vertrouwt erop dat deze waiver zal worden bekomen. We verwijzen in dit verband eveneens naar toelichting 25 in het geconsolideerd jaarverslag.
De onverwachte vertragingen in de vrijgave van de USD 40 miljoen hebben ertoe geleid dat EXMAR haar liquiditeitspositie van dichtbij blijft opvolgen. De ontvangst van deze fondsen met betrekking tot de financiering van de TANGO FLNG samen met andere voorziene kasstromen(i.a. de huurinkomsten van haar schepen en infrastructuur eenheden), laten EXMAR toe om aan haar financiële verplichtingen te voldoen, zoals voorzien in haar budget voor het jaar 2020.
Rekening houdende met de veronderstellingen en onzekerheden, zoals hierboven beschreven, is de Raad van Bestuur overtuigd dat het management in staat zal zijn om voldoende liquiditeiten aan te houden om aan haar verplichtingen te kunnen voldoen dewelke een geschikte basis vormt voor de veronderstelling van continuïteit. In het geval wanneer bovenstaande veronderstellingen niet tijdig gehaald worden, is er een materiële onzekerheid omtrent de beschikbaarheid van voldoende liquiditeiten om aan verplichtingen van de onderneming te voldoen en dit voor een periode van tenminste 12 maanden te rekenen vanaf de datum van de goedkeuring van deze financiële staten.
Het LNG-schip EXCEL, dewelke eigendom was van één van onze joint ventures, was partij bij een leasingovereenkomst in het Verenigd Koninkrijk, waarbij de lessor de kapitaaluitgaven voor het aanschaffen van deze schepen kon afschrijven. Kenmerkend voor dit soort leasingovereenkomsten is dat de fiscale risico's en risico's van wetswijziging gedragen worden door de lessee. Onze joint venture beëindigde deze leasingovereenkomst in 2013. De belastingdienst van het Verenigd Koninkrijk ("HMRC") heeft een vraag om inlichtingen gesteld met betrekking tot de aftrek van deze kapitaaluitgaven. Onze positie op basis van commerciële, wettelijke en financiële veronderstellingen is dat deze kapitaaluitgaven terecht werden afgetrokken en wij hebben HMRC hier ook van op de hoogte gebracht. Echter, indien HMRC de fiscale behandeling van de lease door de Britse lessor succesvol aanvecht, kunnen wij verplicht worden om de lessor schadeloos te stellen voor te betalen belastingen. Het bedrag op de bankrekening van onze joint venture (USD 1,7 miljoen voor het aandeel van EXMAR) wordt aangehouden om onze verplichtingen te dekken ten opzichte van de leasinggever en werd bijgevolg voorzien in het overzicht van gerealiseerde resultaten van 2019. Vorig boekjaar werd deze provisie niet getoond in de geconsolideerde financiële staten van EXMAR aangezien het niet mogelijk was om de mogelijke uitstroom te berekenen.
De Raad van Bestuur, vertegenwoordigd door Nicolas Saverys (CEO) en Jalcos NV, vertegenwoordigd door Ludwig Criel en het directiecomité, vertegenwoordigd door Patrick De Brabandere (CFO) en Francis Mottrie (deputy CEO), verklaren in naam en voor rekening van de vennootschap, dat, voorzover hen bekend,
-het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening een getrouw overzicht geeft van de ontwikkeling en de resultaten van het bedrijf en van de positie van de emittent en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen, alsmede een beschrijving van de voornaamste risico's en onzekerheden waarmee zij geconfronteerd worden.
In het kader van de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van EXMAR NV (de "vennootschap") en haar filialen (samen "de Groep"), leggen wij u ons commissarisverslag voor. Dit bevat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening alsook de overige door wet- en regelgeving gestelde eisen. Dit vormt één geheel en is ondeelbaar.
Wij werden benoemd in onze hoedanigheid van commissaris door de algemene vergadering van 16 mei 2017, overeenkomstig het voorstel van het bestuursorgaan uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité. Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening afgesloten op 31 december 2019. Wij hebben de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van EXMAR NV uitgevoerd gedurende 3 opeenvolgende boekjaren.
Wij hebben de wettelijke controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van de groep, die de geconsolideerde balans op 31 december 2019 omvat, alsook het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten en geconsolideerd overzicht van niet-gerealiseerde resultaten, het geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht over het boekjaar afgesloten op die datum en de toelichting, met de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige informatieverschaffing, waarvan het totaal van de geconsolideerde balans 909 767 (000) USD bedraagt en waarvan het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde afsluit met een verlies van het boekjaar van 13 202 (000) USD.
Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van het vermogen en van de financiële toestand van de groep op 31 december 2019 alsook van zijn geconsolideerde resultaten en van zijn geconsolideerde kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.
Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens de internationale controlestandaarden (ISA's) zoals van toepassing in België. Wij hebben bovendien de door IAASB goedgekeurde internationale controlestandaarden toegepast die van toepassing zijn op huidige afsluitdatum en nog niet goedgekeurd op nationaal niveau. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn verder beschreven in de sectie "Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening" van ons verslag. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid.
Wij hebben van het bestuursorgaan en van de aangestelden van de vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.
Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.
Wij vestigen de aandacht op toelichting "Belangrijke schattingen en oordelen voor financiële verslaggeving" van de geconsolideerde jaarrekening waarin vermeld staat dat de vennootschap geconfronteerd wordt met aanhoudende uitdagingen die de financiële positie onder druk zetten. Bij de opmaak van de jaarrekening heeft de raad van bestuur rekening gehouden met vier veronderstellingen en onzekerheden dewelke tijdig en succesvol zullen moeten worden gerealiseerd zodat er voldoende liquiditeiten zullen zijn om aan de bestaande verplichtingen te voldoen voor een periode van tenminste twaalf maanden vanaf goedkeuring van de jaarrekening.
Deze veronderstellingen en onzekerheden vormen een van materieel belang zijnde onzekerheid die significante twijfel kan doen rijzen over de mogelijkheid van de vennootschap om haar continuïteit te handhaven wanneer niet tijdig gerealiseerd. Ons oordeel is niet aangepast met betrekking tot deze aangelegenheid.
Kernpunten van onze controle betreffen die aangelegenheden die naar ons professioneel oordeel het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode. Deze aangelegenheden zijn behandeld in de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover, en wij verschaffen geen afzonderlijk oordeel over deze aangelegenheden.
Kernpunten van de controle Hoe onze controle de kernpunten van de controle behandelde
| • Vaste activa – schepen met een netto boekwaarde van 576 605 (000) USD vertegenwoordigen 63% van het geconsolideerde balanstotaal op 31 december 2019. De beoordeling door de directie van de waardering van vaste activa is belangrijk in het kader van onze audit omdat dit een complex proces betreft waarbij significante beoordelingen en inschat tingen vanwege de directie noodzakelijk zijn. • Verwijzing naar toelichtingen We verwijzen naar de geconsolideerde jaarrekening, inclusief toelichting: 11 – Schepen. |
• We hebben het door de directie geïmplementeerde proces en het ont werp en de implementatie van de interne controles beoordeeld met betrekking tot de beoordeling van indicatoren van bijzondere waarde verminderingen en het uitvoeren van bijzondere waardeverminderings analyses. • We zijn voor elke kasstroom genererende eenheid nagegaan of de indi catoren tot bijzondere waardeverminderingen, zoals bepaald in IAS 36, overwogen werden in de beoordeling van de directie. • Wij verkregen de waarderingsverslagen van externe makelaars dewelke door de directie worden gebruikt om in te schatten of er indicatoren zijn van bijzondere waardevermindering evenals voor het bepalen van de reële waarde minus verkoopkosten van de schepen. • We hebben een beoordeling gemaakt van de assumpties die door de directie gebruikt werden in de gebruikswaarde berekeningen, voor namelijk de meest kritische assumpties zoals de vrachttarieven na de contractperiode en de verdisconteringsvoeten. Tijdens het kritisch beoordelen van deze veronderstellingen hebben we rekening gehou den met de werkelijke resultaten, reeds afgesloten contracten, externe info, onafhankelijke marktrapporten en marktomstandigheden. • Verder hebben we de geschiktheid van de toelichtingen met betrekking tot bijzondere waardeverminderingen voor vaste activa beoordeeld. |
|---|---|
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor de interne beheersing die het bestuursorgaan noodzakelijk acht voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten.
Bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening is het bestuursorgaan verantwoordelijk voor het inschatten van de mogelijkheid van de groep om haar continuïteit te handhaven, het toelichten, indien van toepassing, van aangelegenheden die met continuïteit verband houden en het gebruiken van de continuïteitsveronderstelling, tenzij het bestuursorgaan het voornemen heeft om de groep te liquideren of om de bedrijfsactiviteiten te beëindigen of geen realistisch alternatief heeft dan dit te doen.
Onze doelstellingen zijn het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid over de vraag of de geconsolideerde jaarrekening als geheel geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten en het uitbrengen van een commissarisverslag waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid, maar is geen garantie dat een controle die overeenkomstig de ISA's is uitgevoerd altijd een afwijking van materieel belang ontdekt wanneer die bestaat. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de economische beslissingen genomen door gebruikers op basis van deze geconsolideerde jaarrekening, beïnvloeden.
Bij de uitvoering van onze controle leven wij het wettelijk, reglementair en normatief kader na dat van toepassing is op de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België. De wettelijke controle biedt geen zekerheid omtrent de toekomstige levensvatbaarheid van de vennootschap, noch van de efficiëntie of de doeltreffendheid waarmee het bestuursorgaan de bedrijfsvoering van de vennootschap ter hand heeft genomen of zal nemen.
Als deel van een controle uitgevoerd overeenkomstig de ISA's, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneelkritische instelling gedurende de controle. We voeren tevens de volgende werkzaamheden uit:
het evalueren van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en het evalueren van de redelijkheid van de door het bestuursorgaan gemaakte schattingen en van de daarop betrekking hebbende toelichtingen;
EXMAR VERSLAG 2019 124
Wij communiceren met het auditcomité onder meer over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante controlebevindingen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing die wij identificeren gedurende onze controle.
Wij verschaffen aan het auditcomité tevens een verklaring dat wij de relevante deontologische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd, en wij communiceren met hen over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en, waar van toepassing, over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen.
Uit de aangelegenheden die aan het auditcomité zijn gecommuniceerd bepalen wij die zaken die het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode, en die derhalve de kernpunten van onze controle uitmaken. Wij beschrijven deze aangelegenheden in ons verslag, tenzij het openbaar maken van deze aangelegenheden is verboden door wet- of regelgeving.
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, de verklaring van niet-financiële informatie gehecht aan dit jaarverslag en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening.
In het kader van ons mandaat en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden (ISA's), is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, de verklaring van niet-financiële informatie gehecht aan dit jaarverslag en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport te verifiëren, alsook verslag over deze aangelegenheden uit te brengen.
Na het uitvoeren van specifieke werkzaamheden op het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij van oordeel dat dit jaarverslag overeenstemt met de geconsolideerde jaarrekening voor hetzelfde boekjaar en is opgesteld overeenkomstig het artikel 3:32 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
In de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij tevens verantwoordelijk voor het overwegen, in het bijzonder op basis van de kennis verkregen tijdens de controle, of het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat, hetzij informatie die onjuist vermeld is of anderszins misleidend is. In het licht van de werkzaamheden die wij hebben uitgevoerd, dienen wij u geen afwijking van materieel belang te melden.
De niet-financiële informatie zoals vereist op grond van artikel 3:32, § 2 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, werd opgenomen in het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening. De vennootschap heeft zich bij het opstellen van deze niet-financiële informatie gebaseerd op een internationaal erkende referentiemodel. Overeenkomstig artikel 3:80 § 1, 5° van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen spreken wij ons niet uit over de vraag of deze niet-financiële informatie is opgesteld in overeenstemming met dit internationaal erkend referentiemodel.
Huidig verslag is consistent met onze aanvullende verklaring aan het auditcomité bedoeld in artikel 11 van de verordening (EU) nr. 537/2014.
Zaventem, 6 April 2020 De commissaris Deloitte Bedrijfsrevisoren/Réviseurs d'Entreprises CVBA/SCRL Vertegenwoordigd door Gert Vanhees
De jaarrekening van EXMAR NV wordt hierna volgens een beknopt schema voorgesteld. De volledige versie van de jaarrekening van EXMAR NV wordt neergelegd bij de Nationale Bank van België en is beschikbaar op de website (www.exmar.be). Een kopie van de jaarrekening kan kosteloos verkregen worden op aanvraag. In zijn verslag heeft de commissaris geen voorbehoud gemaakt betreffende de statutaire jaarrekening van EXMAR NV.
| BALANS (IN DUIZENDEN USD) |
31/12/2019 | 31/12/2018 |
|---|---|---|
| ACTIVA | ||
| VASTE ACTIVA | 703.235 | 619.568 |
| Immateriële en materiële vaste activa | 414 | 394 |
| Financiële vaste activa | 702.821 | 619.174 |
| VLOTTENDE ACTIVA | 120.100 | 117.273 |
| Vorderingen op ten hoogste 1 jaar | 70.344 | 79.250 |
| Geldbeleggingen | 17.501 | 19.587 |
| Liquide middelen | 31.965 | 18.201 |
| Overlopende rekeningen | 290 | 235 |
| TOTALE ACTIVA | 823.335 | 736.841 |
| PASSIVA | ||
| EIGEN VERMOGEN | 704.115 | 659.230 |
| Kapitaal | 88.812 | 88.812 |
| Uitgiftepremies | 209.902 | 209.902 |
| Reserves | 84.103 | 86.338 |
| Overgedragen resultaat | 321.298 | 274.178 |
| VOORZIENINGEN | 337 | 337 |
| Voorzieningen en uitgestelde belastingen | 337 | 337 |
| SCHULDEN | 118.883 | 77.274 |
| Schulden op ten hoogste 1 jaar | 118.883 | 77.274 |
| TOTAAL PASSIVA | 823.335 | 736.841 |
| WINST - EN VERLIESREKENING (IN DUIZENDEN USD) |
01/01/2019 | 01/01/2018 |
| -31/12/2019 | -31/12/2018 | |
| WINST - EN VERLIESREKENING | ||
| Bedrijfsopbrengsten | 3.538 | 3.846 |
| Bedrijfskosten | -9.075 | -9.551 |
| BEDRIJFSRESULTAAT | -5.537 | -5.705 |
| Financiële opbrengsten | 58.350 | 24.788 |
| Financiële kosten | -5.816 | -7.606 |
| RESULTAAT VOOR BELASTINGEN | 46.997 | 11.477 |
| Belastingen op het resultaat | -2.112 | -1.297 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | 44.885 | 10.180 |
| RESULTAATSVERWERKING | ||
| Te bestemmen winst | 319.063 | 270.516 |
| Onttrekking/toevoeging aan reserves | 2.235 | 3.662 |
| Over te dragen resultaat | -321.298 | -274.178 |
| Uitkering van winst | 0 | 0 |
| BWTS | Ballastwaterbehandeling |
|---|---|
| Cbm | Kubieke meters (m³) |
| CEO | Chief Executive Officer |
| CFO | Chief Financial Officer |
| CO2 | Koolstofdioxide |
| COO | Chief Operating Officer |
| DVO | DV Offshore |
| EBIT | Earnings before interest and taxes |
| EBITDA | Earnings before interest, taxes, depreciation, and amortization |
| EE | Excelerate Energy |
| EEDI | Energy Efficiency Design Index |
| EEOI | Energy Efficiency Operational Indicator |
| EOC | EXMAR Offshore Company |
| ESI | Environment Ship Index |
| ESM | EXMAR Ship Management |
| FID | Final Investment Decision |
| FLNG | Drijvende liquefactie-eenheid |
| FPS | Drijvend productiesysteem |
| FPSO | Drijvend productie-, opslag- en overslagsysteem |
| FSO | Floating Storage and Offloading |
| FSU | Drijvende opslageenheid |
| FSRU | Drijvende hervergassingseenheid |
| GDPR | Algemene Verordening Gegevensbescherming |
| GHG | Greenhouse gas |
| HFO | Zware stookolie |
| HMPE | High Modulus Polyethylene |
| HR | Human Resources |
| HSEQ | Gezondheid, veiligheid, milieu en kwaliteit |
| HSEEQ | Gezondheid, veiligheid, milieu-energie en kwaliteit |
| HyMetShip | Hydrogen Methanol Ship |
| IAS | Internationale boekhoudstandaard |
| IFRS | Internationale financiële rapportering standaard |
| ISM | International Safety Management |
| ISO | Internationale organisatie voor standaardisatie |
| JV | Joint venture |
| k | 1.000 |
| KPI | Kritieke prestatie-indicator |
| LGC | Grote gastanker |
| LNG | Vloeibaar aardgas |
| LNG/C | Opslagtank voor vloeibaar aardgas |
| LNGRV | Hervergassingsschip voor vloeibaar aardgas |
| LPG | Vloeibaar petroleumgas |
| LTI | Lost Time Injurie |
| LTIF | Lost Time Injury Frequency |
| M³ | Kubieke meter |
| MGC | Middelgrote gastanker |
| Midsize | 20.000 m³ tot 40.000 m³ |
| Mio | Miljoen |
|---|---|
| MMSCFD | Miljoen standard kubieke voet per dag |
| MT | Metrische ton |
| MTPA | Miljoen ton per jaar |
| 3 NH |
Ammoniak |
| NM | Zeemijl |
| O&M | Operations & Maintenance |
| OB | Orderboek |
| OCIMF | Oil Companies Marine International Forum |
| OPEX | Operating Expenditures |
| Petchems | Petrochemicaliën |
| PPE | Personal Protective Equipment |
| PPM | Parts per million |
| R&D | Onderzoek & Ontwikkeling |
| REBITDA | Recurring earnings before interests, taxes, depreciations and amortizations |
| Semi-ref. | Semi gekoelde LPG-tanker |
| SMS | Safety Management Systems |
| STS | Ship-to-ship |
| TC | Time charter |
| TCE | Time charter equivalent |
| TMSA | Tanker Manager Self-Assesment |
| TRCF | Total Recordable Cases Frequency |
| TTSL | Taking The SAFETY LEAD |
| U/C | In aanbouw |
| US | Verenigde Staten |
| USA | Verenigde Staten van Amerika |
| USD | United States Dollar |
| VCM | Vinyl Chloride Monomer |
| VLGC | Zeer grote gastanker |
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.