Annual Report • Apr 16, 2021
Annual Report
Open in ViewerOpens in native device viewer

Nicolas Saverys – Executive Chairman Francis Mottrie – CEO Jalcos NV – vertegenwoordigd door Ludwig Criel Wouter De Geest Michel Delbaere Ariane Saverys Barbara Saverys Pauline Saverys Baron Philippe Vlerick Isabelle Vleurinck
Francis Mottrie – Chief Executive Officer Patrick De Brabandere – Chief Financial Officer Jonathan Raes – Executive Director Infrastructure Jens Ismar – Executive Director Shipping
Deloitte Bedrijfsrevisoren Vertegenwoordigd door de heren Rik Neckebroeck en Ben Vandeweyer
De Gerlachekaai 20 2000 Antwerp Tel: +32(0)3 247 56 11 Fax: +32(0)3 247 56 01 Ondernemingsnummer: 0860.409.202 RPR Antwerpen – afdeling Antwerpen
Alle persberichten van EXMAR kunnen geraadpleegd worden op de website: www.ex mar.be
Vragen kunnen telefonisch gesteld worden op het nummer +32(0)3 247 56 11 of per mail [email protected], ter attentie van Patrick De Brabandere (CFO) of Mathieu Verly (secretaris).
Gedrukte financiële verslagen kunnen worden aangevraagd op annualreport@ex mar.be
De Nederlandstalige versie van dit verslag moet als officiële versie worden beschouwd.

Geachte aandeelhouder,
2020 was zowel economisch als persoonlijk een uitdagend jaar. Het begin van het jaar was bijzonder moeilijk met het verlies van onze voorzitter, Baron Philippe Bodson. COVID-19 heeft ons zijn kostbare raad en wijsheid ontnomen en wij hebben een heel dynamische en goede vriend verloren.
Op zakelijk vlak heeft EXMAR goed gepresteerd, met één belangrijke factor die het algemene resultaat beïnvloedde.
Onze drijvende liquefactie-eenheid, TANGO FLNG, presteerde tot mei 2020 in Argentinië 20% boven haar nominale capaciteit. De Argentijnse olie- en gasmaatschappij YPF SA beriep zich echter tijdens de COVID-19-crisis op een vermeende overmacht en stopte alle betalingen aan EXMAR. Het geschil werd aan arbitrage voorgelegd en uiteindelijk bereikten YPF en EXMAR een regeling waarmee het 10-jarige

contract voor de TANGO FLNG werd beëindigd. YPF betaalt EXMAR een vergoeding voor de vroegtijdige beëindiging van de overeenkomst van USD 150 miljoen, te betalen over een periode van 18 maanden en gedekt door een adequate financiële zekerheid.
Onze andere schepen en infrastructuren hebben in lijn met onze financiële prognose gewerkt en kasstromen gegenereerd. De scheepsvrachttarieven hielden het volledige jaar goed stand. Naar het eind van het jaar toe stegen de VLGCtarieven zelfs naar historisch hoge niveaus, wat ook het midsize segment ten goede kwam.
Onze ingenieursteams hebben vooruitgang geboekt in verscheidene studies rond de energietransitie. Wij volgen en bestuderen de ontwikkelingen rond alternatieve brandstoffen voor de zeevaart, zoals waterstof, LPG en ammoniak, aandachtig en onderzoeken studies naar koolstofopvang om de CO2 in de wereld te helpen beheren.
Naast onze ambitieuze zakelijke doelstellingen streeft de EXMAR Groep ook naar een duurzamere toekomst voor onze planeet en onze mensen. Daarom hebben we middelen uitgetrokken voor een nieuw, strategisch ESG-departement (Environment, Social & Governance). U kunt de eerste resultaten en projecten lezen in het relevante deel van dit verslag.
Wij zijn erg trots op de manier waarop het wereldwijde team van EXMAR en zeker de bemanningen van onze schepen zich aan de nieuwe realiteit van de onverwachte COVID-pandemie hebben aangepast.
In naam van de Raad van Bestuur en het management van EXMAR nemen we deze gelegenheid te baat om iedereen die ons bedrijf zijn aanhoudende steun verleent nogmaals te danken.
Nicolas Saverys Executive Chairman
Francis Mottrie CEO
Leiderschap door innovatie "

Activiteiten- #02 verslag

Zorg voor
respect voor
vandaag,
morgen
#
03
Financieel
verslag
# 04
Zorg voor
respect voor
vandaag,
morgen
Corporate Governance Verklaring



Geconsolideerde kerncijfers
| International Financial Reporting | Management rapportering | |||
|---|---|---|---|---|
| Standards (IFRS) | gebaseerd op proportionele | |||
| (Voetnoot 1) | consolidatie (Voetnoot 2) | |||
| 31/12/2020 | 31/12/2019 | 31/12/2020 | 31/12/2019 |
GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN (IN MILJOEN USD)
| Omzet | 285,2 | 136,7 | 384,2 | 225,0 |
|---|---|---|---|---|
| EBITDA | 177,5 | 47,3 | 239,9 | 100,9 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -38,3 | -31,9 | -102,2 | -66,5 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 139,2 | 15,4 | 137,7 | 34,4 |
| Nettofinancieringsresultaat | -28,4 | -26,0 | -42,6 | -43,3 |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen en joint ventures (na belastingen) |
-17,8 | 1,7 | -2,1 | 0,2 |
| Resultaat vóór belastingen | 93,0 | -8,9 | 93,0 | -8,7 |
| Belastingen op het resultaat | -1,0 | -4,3 | -1,0 | -4,5 |
| Geconsolideerd resultaat na belastingen | 92,0 | -13,2 | 92,0 | -13,2 |
| Aandeel van de Groep in het resultaat | 91,9 | -13,2 | 91,9 | -13,2 |
| GEGEVENS PER AANDEEL (IN USD PER AANDEEL) | ||||
| Gewogen gemiddelde van het aantal aandelen tijdens de periode | 57.226.737 | 57.226.737 | 57.226.737 | 57.226.737 |
| EBITDA | 3,10 | 0,83 | 4,19 | 1,76 |
| EBIT (bedrijfsresultaat) Geconsolideerd resultaat na belastingen |
2,43 1,61 |
0,27 -0,23 |
2,41 1,61 |
0,60 -0,23 |
| GEGEVENS PER AANDEEL (IN EUR PER AANDEEL) | ||||
| Wisselkoers EBITDA |
1,1384 2,72 |
1,1213 0,74 |
1,1384 3,68 |
1,1213 1,57 |
| EBIT (bedrijfsresultaat) | 2,14 | 0,24 | 2,11 | 0,54 |
Voetnoot 1: De cijfers in deze kolommen werden opgemaakt op basis van IFRS zoals toegepast door de EU.
Voetnoot 2: De cijfers in deze kolommen tonen de joint ventures die de proportionele consolidatiemethode toepassen in plaats van de vermogensmutatiemethode.
Deze cijfers komen overeen met de bedragen in de "Totaal" kolom van toelichting 2 Segmentrapportering in het Financieel Verslag per 31 december 2020. Een reconciliatie tussen de bedragen met toepassing van de proportionele methode en de vermogensmutatiemethode is weergegeven in toelichting 3 in het Financieel Verslag van 31 december 2020.
8
in MUSD op 31.12.2020 (volgens de proportionele consolidatiemethode)



OMZET PER SEGMENT



Het aandeel van EXMAR is genoteerd op Euronext Brussel en maakt deel uit van de BEL Small Index (EXM). De referentieaandeelhouder is Saverex NV. Aandelenverdeling per 31 december 2020:

Resultaten 3e
28 oktober 2021
kwartaal 2021





13
EXMAR biedt drijvende oplossingen voor de exploitatie, het vervoer en de transformatie van gas aan. EXMAR wil haar klanten van dienst zijn met innovaties op het vlak van offshore-ontginning, transformatie, productie, opslag en vervoer over zee van vloeibaar aardgas, petrochemische gassen en vloeibare koolwaterstoffen.
EXMAR Shipping is een toonaangevende scheepseigenaar en operator in het transport van vloeibaar aardgas (LNG), vloeibaar petroleumgas (LPG), ammoniak en petrochemische gassen. Deze industriële nichemarkten voor het scheepstransport bestaan overwegend uit gevestigde spelers met een operationele focus op de lange termijn. De unieke kenmerken van de vervoerde producten vereisen zeer geavanceerde schepen en gespecialiseerde operationele vaardigheden, zowel aan boord als aan wal. Dankzij de expertise en kennis uit haar oorsprong in de scheepsbouw is EXMAR een belangrijke eigenaar en operator in dit segment geworden, met een focus op baanbrekende oplossingen voor de energietoeleveringsketen en op maritieme technische innovatie. Dit is mogelijk gemaakt door ons eigen interne departement voor technisch ship management, technisch onderzoek en ontwikkeling. EXMAR controleert vandaag een vloot van 34 gespecialiseerde schepen en drijvende offshore infrastructuur, terwijl twee bijkomende geavanceerde op LPG varende Very Large Gas Carriers (VLGC's) in aanbouw zijn.
Voor de analyse van de drijvende krachten op de markt is het belangrijk om te begrijpen hoe energieproducten worden gefabriceerd en in het geheel van hun waardeketen worden ontwikkeld, en om inzicht te krijgen in hun gebruik op de consumptiemarkten. Anders dan op de markten van de droge vracht of de ruwe olie, worden hier geen onbewerkte maar (half)afgewerkte producten vervoerd. Daardoor spelen veel verschillende krachten een rol en is dit een inherent complexe markt.
LNG is door koeling vloeibaar gemaakt aardgas, dat op min 164 graden Celsius tot één zes honderdste van zijn oorspronkelijke volume herleid is en per schip kan worden vervoerd naar bestemmingen die niet met pijpleidingen verbonden zijn. Aardgas wordt gebruikt voor de productie van elektriciteit, als industriële grondstof voor kunstmest en een uitgebreid gamma plastics, en voor commerciële of residentiële verwarmingstoepassingen. Om LNG te kunnen vervoeren, zijn speciaal geïsoleerde LNG-tankers ontwikkeld die een afzonderlijk LNG-vrachtsegment vormen.
Zoals blijkt uit de illustratie van de LPG-waardeketen wordt LPG geproduceerd tijdens de raffinage van olie of wordt het gefractioneerd tijdens de verwerkingsprocessen van vloeibaar aardgas. LPG, voornamelijk propaan en butaan, is dus een nevenproduct. LPG kan voor diverse doeleinden worden gebruikt, bijvoorbeeld als grondstof in raffinaderijen en de petrochemische industrie, als brandstof voor voertuigen, in de landbouw en in mindere mate in elektriciteitscentrales. Aangezien de wereldwijde productie van aardgas blijft toenemen, verwacht men dat in de toekomst grote hoeveelheden LPG zullen worden geproduceerd en verscheept.

LPG-waardeketen > Bron: EXMAR

15
flooring, …)
Rubbers (car tyres, sport shoes, …) Styrenes (foam, insulations …)
Polypropylene (fibres, fabrics, injection mouldings, car appliances, toys …) Polyvinyl chloride (PVC) (pipes, electric cables, signs, clothing, furniture, healthcare,
Polyethylene (food packaging, milk, water and juice bottles, power cables, chemical containers, injection mouled products, …)
Ammoniak (NH3) wordt normaal verkregen door stikstof toe te voegen aan het stoomproces, met aardgas als belangrijkste grondstof. Hij wordt vooral gebruikt als basiscomponent voor de productie van mineraal kunstmest (ureum, nitraten en NPK), springstoffen voor civiel gebruik of Caprolactan (voor industriële toepassingen zoals binnenbekledingen en airbags in auto's). In een streven om de samenleving verder te decarboniseren, focust men wereldwijd meer en meer op de productie van ammoniak, vanwege zijn potentieel om de vervuilende uitstoot sterk te verlagen en als oplossing voor het transport van waterstof.
Zoals eveneens in de LPG-waardeketen geïllustreerd, worden petrochemische gassen aan het eind van de petrochemische cyclus geproduceerd en afgeleid uit het stoomkraken van olie en gas. Deze gassen bestaan voornamelijk uit ethyleen en propyleen, die worden gebruikt voor de productie van allerlei soorten polymeren en plastics. VCM (vinylchloridemonomeer) en ruwe C4 worden vaak gebruikt voor de productie van respectievelijk PVC en rubberproducten.
EXMAR heeft in 2020 niet minder dan 743 reizen uitgevoerd om gasproducten veilig en betrouwbaar naar klanten overal ter wereld te brengen. Het taartdiagram toont het totale aantal vervoerde vrachten. LPG vertegenwoordigde ongeveer 72% van de vrachten, ammoniak 22%, petrochemische gassen 4% en LNG 3%.
EXMAR beperkt zich niet tot het transport van vrachten maar wordt ook vaak benaderd voor de conversie van en de overslag tussen schepen. Om vooruit te lopen op onverwachte evoluties van de markt vragen onze klanten EXMAR vaak om snel en flexibel schepen te converteren, zodat ze tussen producten kunnen schakelen. Deze veeleisende service wordt vaak gevraagd in het midsize gassegment, dat het grootste deel van de vloot van EXMAR vertegenwoordigt. Bovendien zijn, naast de limieten van de omvang

Ammoniak
16
Rich natural gas
van de schepen, beperkingen in de havens of de operaties vaak factoren die de eigenaren verplichten om op zee vrachten te laden uit of te lossen in kleinere schepen. Deze overslag tussen schepen vereist ervaren bemanningen, een zorgvuldige coördinatie en het gebruik van gepaste uitrusting. In dit opzicht kan EXMAR prat gaan op een beproefde staat van dienst, ook op het vlak van de veiligheid, met de uitvoering in 2020 van 68 operaties voor de overslag van ongeveer 0,5 miljoen ton. De meeste transfers gebeurden met butaan (54%) en propaan (39%), het restant (7%) et LPG-mengsels.
> Volledig gekoelde gastankers: zoals de vlootlijst toont, bestaat het merendeel van de vloot van EXMAR uit volledig gekoelde schepen met prismatische vrachttanks die ontworpen zijn om producten op lage temperatuur te vervoeren (meestal volledig gekoeld LPG en ammoniak) op bijna-atmosferische druk. Dit wordt mogelijk gemaakt door geïnstalleerde koelsystemen die de schepen efficiënt maken voor het vervoer op de lange vaart. Volledig gekoelde gastankers hebben meestal een capaciteit van meer dan 20.000 m³, om profijt te trekken van het schaal- en scopevoordeel.

EXMAR Infrastructure levert innovatieve drijvende infrastructuuroplossingen voor de olie- en gasindustrie, waarbij het zowel haar bestaande assets gebruikt als nieuwe assets ontwikkelt voor nearshore en offshore productie, opslag en andere bijkomende diensten. Het bestrijkt de volledige levenscyclus, van de ontwikkelingsstudies en de engineering tot de supervisie van de bouw, de overgang naar leasing/eigendom, de operaties en het onderhoud na de levering.
EXMAR Infrastructure bezit nu vier op platformen gebaseerde drijvende infrastructuureenheden: de TANGO FLNG, de FSRU S188 en de twee accomodatieplatformen: NUNCE en WARIBOKO. Onze operationele en onderhoudsteams verzorgen de dagelijkse werking en het onderhoud van de aan hun beheer toevertrouwde drijvende infrastructuur volgens de hoogste kwaliteits- en duurzaamheidsnormen.
De TANGO FLNG is een drijvende terminal voor
de liquefactie van aardgas in LNG voor de export. De FSRU S188 hervergast geïmporteerd LNG tot aardgas. De twee eenheden zijn efficiënte drijvende alternatieven voor de traditionele waardeketen van LNG, als goedkope en flexibele vervanging van de op het land gebaseerde terminals die traditioneel voor de import/export van LNG worden gebruikt. 3 Engineering Engineering kantoren EXMAR Offshore (Houston) en DV Offshore (Parijs) Opti-halfafzinkbaar design (gepatenteerd) 1 FLNGplatform TANGO FLNG (hervergassingsplatform) Capaciteit 16.100 flng Productie capaciteit 0,5 mtpa 1 FSRUplatform FSRU S188 (hervergassingsplatform) Capaciteit 25.000 m³ Productie capaciteit 600 mm ft³ Assets Infrastructure portfolio 2 Accomodatieplatformen Drijvende accomodaties NUNCE (350 personen aan boord) en WARIBOKO (300 personen aan boord) (hervergassingsplatform)


Allebei stellen ze de klanten in staat om tegen een competitieve kostprijs deze markten te betreden met beduidend lagere volumes dan ooit voordien. De TANGO FLNG en de FSRU S188 kunnen snel en zonder grote investeringen worden gemobiliseerd bij de pijpleidinginfrastruc tuur. De TANGO FLNG kan een LNG-tanker laden met gas voor de export dat aan boord van de eenheid in LNG wordt omgezet. De FSRU S188 kan geïmporteerd LNG hervergassen en een pijpleiding voeden met gas voor huishoudelijk of industrieel gebruik.
De accomodatieplatformen zijn een essentieel element voor de ontwikkeling, exploratie en productie van offshore olie- en gasvelden, met de nodige hotelinfrastructuur voor de operators en aannemers in de onmiddellijke nabijheid van de offshore exploratie en productie van olie en gas. EXMAR Offshore Company, Houston (EOC) en DV Offshore, Parijs (DVO) vullen de activiteiten van Infrastructure aan en vervolledigen ze met sterke capaciteiten en een grote ervaring in maritieme en productie-engineering ten dienste van zowel de olie- en gasindustrie als de sector van de hernieuwbare energie. EXMAR Offshore Company heeft een eigen drijvend productiede sign ontwikkeld, OPTI ®, voor de drijvende olieen gasproductie in diep water. Tot op heden zijn drie OPTI ®-productiefaciliteiten ontworpen. DV Offshore is een gespecialiseerde maritieme aannemer die diensten voor ontwerp en project ondersteuning in de niche van de maritieme infrastructuur levert aan bedrijven en operators in de olie- en gasindustrie. In het recente verleden lag de focus op de ontwikkeling van studies en aanmeersystemen voor drijvende windparken op de Middellandse Zee en de Atlantische Oceaan.
Naast haar kernactiviteiten heeft EXMAR ook zakelijke belangen in diverse ondernemingen in de domeinen van het ship management, de gespecialiseerde reizen en de componenten voor de maritieme en de offshore sector.
EXMAR Shipmanagement is gespecialiseerd in op expertise gebaseerde nichesegmenten zoals het beheer van drijvende infrastructuur voor opslag, hervergassing en liquefactie, LNG- en LPG-tankers, gekoelde vloeibare bulk tankers, oceanografische schepen en offshore accommodatieplatformen.
EXMAR Yachting beheert een vloot van luxeschepen.
Travel PLUS is een in Antwerpen gevestigde specialist in zaken- en recreatieve reizen.
BEXCO is een toonaangevende Europese fabri kant van nauwkeurig ontworpen synthetische meertouwen, sleeptouwen en hijstouwen voor offshore, maritieme en industriële toepassingen.

EXMAR Shipping is een toonaangevende scheepseigenaar en operator in het transport van vloeibare gasproducten zoals vloeibare petroleumgassen (LPG, butaan, propaan en een mengsel van beide), watervrije ammoniak en petrochemische gassen. EXMAR werkt wereldwijd voor de sectoren van de meststoffen, de schone brandstoffen en de petrochemie. Als vooraanstaande middelgrote LPG-eigenaar/exploitant haalt EXMAR voordeel uit langetermijncontracten met haar eersteklas klanten.
| Totaal per 31/12/2020 |
Totaal per 31/12/2019 |
|
|---|---|---|
| PROPORTIONELE CONSOLIDATIE (IN MILJOEN USD) | ||
| Omzet | 134,8 | 122,4 |
| EBITDA | 68,1 | 60,4 |
| REBITDA ( ) * |
68,1 | 60,4 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | -7,8 | 14,5 |
| Geconsolideerd resultaat ná belastingen | -26,2 | -7,2 |
| Schepen (incl schepen in aanbouw en gebruiksrechten) | 475,6 | 520,5 |
| Financiële schulden | 389,3 | 437,0 |
( * ) REBITDA: recurrent bedrijfsresultaat voor intresten, belastingen, afschrijvingen en waardeverminderingen.
2020 zal de geschiedenis ingaan als het jaar waarin een pandemie het nieuws domineerde en de wereldeconomie verstoorde. Hoewel COVID-19 een ongeziene verstoring van de globale logistiek en handel heeft veroorzaakt, hebben de gasmarkten over zee het over het algemeen relatief goed gedaan.
In 2020 vervoerde EXMAR 6,3 miljoen ton LPG en 1,9 miljoen ton ammoniak, goed voor respectievelijk 5,7% en 11% van het mondiale transport over zee.
Ondanks een korte storing toen COVID-19 voor het eerst in Europa toesloeg, bleef de totale LPG-handel groeien, naar ongeveer 110 miljoen ton in 2020, enkele miljoenen meer dan vorig jaar. Dit was het gevolg van een beduidende stijging van de LPG-export van de VS, met ongeveer 5 miljoen ton, samen met een toenemende vraag in Zuidoost-Azië en India.
In 2021 zullen de groei van nieuwe petrochemische fabrieken in China en andere expansieprojecten in Azië de vraag weer sterk
EBIT voor de Shipping Business Unit voor het jaar 2020 was USD -7,8 miljoen vergeleken met USD 14,5 miljoen in 2019. EBIT is negatief beïnvloed door een waardevermindering van USD 28,5 miljoen op oudere schepen
EXMAR VERSLAG 2020
50
> Bron: Waterborne LPG/IHS

(USD 1.000/maand)
1 year TC rate MGC
Fully Ref
doen stijgen. Poten schat dat de Chinese import, die in 2020 stabiel bleef op ongeveer 20 miljoen ton, met 3-5 miljoen ton zou kunnen toenemen als gevolg van een forste stijging van de vraag naar propaandehydrogenatie (PDH) en de opleving van de commerciële sector (restaurants, entertainment). De ontwikkelingen van COVID-19 en het investeringsniveau zullen bepalen of de LPG-productie van de VS verder groeit of op een plateau zal blijven. Daarnaast bestaat de mogelijkheid dat de productie van MEG LPG zal opveren en meer marktaandeel in het oosten zal winnen als de LPG-productie van de VS zou vertragen. Poten & Partners (brokerage en energy consultant) verwacht dat de LPG-handel tegen eind 2021 ongeveer 115 miljoen ton zal bereiken.
De ammoniakmarkten hadden het in 2020 moeilijk, met ongeveer 16 miljoen ton voor het zeetransport als gevolg van de pandemie en een generische economische vertraging. Er bestaat nog steeds een risico op bijkomende lockdowns in 2021, maar de analisten van Fertecon verwachten méér dan een comeback, met vrachtvolumes die in 2021 zelfs de kaap van 17 miljoen ton zouden kunnen overschrijden. Het herstel begon al in vierde kwartaal van 2020, met de opstart van tijdelijk gesloten installaties in Algerije, Indonesië en Trinidad & Tobago. Hoewel de ammoniakmarkt veel kleiner in volumes is vergeleken met LPG, blijven haar voorwaarden cruciaal voor de midsize LPG-markt, aangezien vandaag nog altijd meer dan 1/3 van de midsize vloot (25-40.000 m³) bij de ammoniakhandel betrokken is.
Zoals de grafieken tonen, kende de VLGCvrachtmarkt in 2020 uitstekende voorwaarden, met record exportvolumes uit de VS. De terugval van de LPG-productie in het Midden-Oosten maakte India afhankelijker van de LPG-import uit

VLGC
West-Afrika en zelfs de VS. De volumes via Kaap de Goede Hoop voegden snel tonmijlen aan de vrachtvereisten toe, zodat de marktomstandigheden krapper werden.
Bovendien verhoogden vertragingen vanwege de congestie op het Panamakanaal de wachttijd voor de VLGC's die LPG naar Azië vervoerden. Deze storingen in het doorgangsverkeer waren het rechtstreekse gevolg van wijzigingen van de boekings- en transitregels door de Panama Canal Authority. De VLGC's zijn namelijk in rang verlaagd voor de mogelijkheid om vooraf transitplaatsen te boeken, wat tot 2 weken vertraging kan leiden.
(miljoen ton) US LPG exports
Krappe VLGC-scheepvaartmarkten, en het aanzienlijk aantal schepen dat een speciale inspectie moeten ondergaan gedurende het vierde kwartaal van 2020 en het eerste kwartaal van 2021, ondersteunden een gezonde vrachtmarkt in het eerste kwartaal van 2021.
In 2021 zullen 20 nieuwe schepen worden opgeleverd, wat de druk op het aanbod kan verlichten en de voorwaarden op de vrachtmarkt overeenkomstig kan beïnvloeden. Met een VLGC-vloot van 313 schepen stond het orderboek op het jaareinde op 51 eenheden of 16% van de vloot.
De door EXMAR gecontroleerde BW TOKYO presteerde in 2020 goed, dankzij een voltijds chartercontract met de grote LPG-trader Trafigura. Met één enkel schip in dit segment kon EXMAR de volatiliteit van de markt in 2020 vermijden. Ze werd gekenmerkt door sterke schommelingen van de Baltic Gas Index, met tijdcharterequivalenten van 1,2 miljoen USD/maand in het begin van het jaar tot 325.000 midden juni en dan weer 3,1 miljoen USD/maand tegen het eind van het jaar. De charter van BW TOKYO is verlengd voor het jaar 2021.
EXMAR zal in in het derde en vierde kwartaal van 2021 twee op LPG varende nieuwe VLGCtankers van 88.000 m³ in ontvangst nemen met een langlopend chartercontract voor Equinor ASA (Noorwegen). Dit waren de eerste bestelde
VLGC/LGC vertrekken, Dec 2020 (volumes in duizend ton) > Bron: Poten
VLGC's met dual fuel motoren die LPG als hoofdbrandstof kunnen gebruiken, wat de uitstoot beduidend verlaagt en het innovatievermogen van EXMAR in de verf zet. Sindsdien is de wereldvloot gevolgd, zodat 26 bijkomende VLGC's met LPG als brandstof in bestelling zijn en men kan zeggen dat LPG als brandstof een norm voor de toekomstige VLGC-vaart is geworden.
De midsize vrachtmarkt nam in 2020 een goede start maar verzwakte toen de pandemie zich in het tweede kwartaal ontwikkelde. Het herstel van de VLGC-markt in de laatste kwartalen van 2020 bevoordeelde de midsize markttarieven meer en meer, zodat ze het jaar sterk eindigden.
Butaan, dat vroeger in Handy Size-tankers (15-25.000 m³) naar de Middellandse Zee en West-Afrika werd vervoerd, ging meer en meer over naar midsize tankers, dankzij hun grotere schaalvoordeel. Deze Atlantische reizen leveren een beduidende bijdrage in termen van de ton-mijl vereisten in dit nichesegment. Ook in Zuid-Amerika blijft de inzet van MGC-tonnage groeien. Zoals weergegeven in het profiel van de MGC-vloot, staat het orderboek voor de periode 2021-2023 nu op 17 schepen, tegenover een totale vloot van 103 eenheden. Aangezien in 2021 slechts vier schepen zullen worden opgeleverd, kan men verwachten dat de MGC-vrachtmarkt die zonder te veel impact zal kunnen absorberen.
EXMAR, dat voor de midsize vloot een 50/50 joint venture met Teekay heeft, benutte haar sterke klantportfolio in midsize met de verlenging van bestaande tijdchartercontracten met industriële klanten tegen betere tarieven, ondanks de onzekerheid in verband met de COVID-19 pandemie die sinds het voorjaar heerste. Terwijl de meeste schepen in 2020 bij dezelfde charterers

24

EXMAR heeft een leidende positie in midsize, met de ontwikkeling van nieuwe ontwerpen en oplossingen "
> Foto: scrubber-fitted MGC

bleven, werd de KALLO geherpositioneerd ten oosten van Suez om in het tweede kwartaal via een langetermijncharter voor Ma'aden te werken, een belangrijke ammoniakproducent.
Met de LPG-vloot is EXMAR actief in de traditionele MGC-bekkens, met name de regionale distributiehandel in Noordwest-Europa en de export van de Golf van het Midden-Oosten naar India. De toegenomen productie van LPG in de VS en de specifieke terminals voor MGC's hebben EXMAR ertoe aangezet om meer schepen in de Golf van de VS in te zetten, voor transporten naar Zuid-Amerika en zelfs naar Afrika, dat sinds enkele jaren meer butaan importeert.
In het ammoniaktransport heeft de vloot van EXMAR consistent MEG-volumes geëxporteerd, voornamelijk naar het oosten (India, Zuid-Korea, China), terwijl we bij onze traders in de VS ammoniak van de Caribische Zee naar de Amerika's zien gaan maar ook op de lange vaart naar Europa en Afrika, vooral naar Marokko.
Begin 2021 is 76% van de midsize vloot van EXMAR gedekt met tijdcharters, en de marktindicators lijken te voorspellen dat 2021 opnieuw een lonend jaar zal zijn. Het feit dat EXMAR voor 2021 al een aanzienlijke dekking heeft, is te danken aan de service met toegevoegde waarde die we onze klanten aanbieden.
Langdurige expertise in de behandeling van vracht: omschakeling tussen kwaliteiten, overslag tussen schepen, vrachtconditioning.
Interne diensten voor ship management om problemen snel samen op te lossen
Aanbod aan onze klanten van unieke schepen die speciaal voor specifiek transport gebouwd zijn.
Het semi-gekoelde schip TEMSE onderging in in het derde kwartaal na 25 jaar ammoniakvervoer een uitgebreide bijzondere inspectie in Polen, voor het aan een nieuwe tijdcharter voor LPG begon.
De pressurized vrachtmarkten werden het zwaarst door de pandemie getroffen, vooral ten westen van Suez, waar verscheidene Europese landen diverse lockdowns kenden. De productie van de raffinaderijen, een belangrijke maatstaf voor de distributie van kleine volumes met pressurized schepen, viel sterk terug, met een daling van de benutting van de raffinaderijen met naar schatting 20%. De grafiek toont dat de benchmarktarieven op de spotmarkt voor het segment Tees-ARA tot op ongeveer OPEX-niveaus daalden, en zelfs nog lager wanneer men ook de wachttijd in aanmerking neemt. Gelet op de hoge eisen van de industriële klanten in West-Europa voor een intensief gebruik van pressurized schepen, met hoge kwaliteitsnormen, waren de tarieven in 2020 niet houdbaar op langere termijn. Met de wereldwijde uitrol van vaccinatieprogramma's en de aansluitende heractivering van de raffinaderijen verwacht men een herstel van de vrachttarieven.
De voorwaarden voor de vrachtmarkt ten oosten van Suez waren wat beter, dankzij een stabieler handelspatroon en de herverdeling van LPG over pressurized tankers. Landen als Thailand, Singapore, Vietnam of China zullen pressurized tonnage nodig blijven hebben, aangezien LPG in grote mate wordt herverdeeld en voor uiteenlopende toepassingen wordt gebruikt, van koken en verwarming tot de meer volatiele eisen van de petrochemie.

1.800 But Tees-ARA in \$/t Raffinaderijbezettingsgraad in % (rechteras)
> Bron: E.A Gibson

26


Net als voor de markten in Europa verwachten we ook in het oosten een fors herstel van de voorwaarden op de vrachtmarkt voor pressurized schepen, gelet op de globale veroudering van de pressurized vloot. Deze markt bereikt haar eerste recyclingperiode, aangezien de sector nu ongeveer 30 jaar oud is. Met een te verwaarlozen orderboek – slechts 16 met een capaciteit van 1.000 - 8.000 m³ – voor een vloot van meer dan 500 eenheden op de markt van het pressurized zeevervoer, lijken de vooruitzichten op lange termijn vrij goed. Dit zou hogere tarieven voor tijdcharters kunnen opleveren dan in de grafiek van de vrachttarieven voor 2020.
Deze ontwikkelingen verklaren waarom 2020 een ontgoochelend jaar was voor de prestaties van de pressurized vloot van EXMAR, die onder lage tarieven en beduidende werkloosheidsperioden te lijden had. Twee schepen van 3.500 m³ beëindigden in het eerste kwartaal langlopende charters en werkten gedurende de meeste volgende kwartalen voor de spothandel in Europa, tot ze voor nieuwe perioden onder contract werden genomen door SHV, een belangrijke LPG-trader. Om van een sterkere markt ten oosten van Suez te profiteren, reisde de MAGDALENA van Europa naar China, waar hij een tijdchartercontract van NGL kreeg voor het vervoer van gemakkelijke petrochemische producten.
Voor 2021 is de pressurized vloot al voor 68% met tijdchartercontracten gedekt. Terwijl de niveaus op de vrachtmarkt al enigszins toenemen en de vooruitzichten verbeteren, bestaat er een consensus dat de pressurized vloot geleidelijk aan lonende charters zal kunnen krijgen en haar financiële prestaties dus zal verbeteren.
EXMAR heeft momenteel één LNG-tanker in haar vloot, de EXCALIBUR (in 2002 gebouwd), in een joint venture met Teekay. Zijn in vierde kwartaal geplande tussentijdse inspectie duurde beduidend langer dan verwacht, vanwege ernstige personeelstekorten op de scheepswerf als gevolg van COVID-19. Begin januari 2021 kon het schip echter met succes zijn langlopende tijdcharter hervatten, tegen lonende tarieven. Dit contract loopt nog tot december 2021 – maart 2022, waarna het schip weer beschikbaar wordt voor een alternatieve inzet. Dat zou op de traditionele vrachtmarkt kunnen gebeuren – begin 2021 bereikten de voorwaarden op de LNG-vrachtmarkt een historisch record en haalden LNG-tankers met stoomturbine zoals de EXCALIBUR meer dan 100.000 USD/dag vanwege de zeer koude winters in China en Japan en de uitval van enkele elektriciteitscentrales in Japan – ofwel zou de eenheid voor FSU/FSRU-conversieprojecten kunnen worden ontwikkeld.
EXMAR Infrastructure levert innovatieve drijvende infrastructuuroplossingen voor de olie- en gasindustrie, waarbij het zowel haar bestaande assets gebruikt als nieuwe assets ontwikkelt voor nearshore en offshore productie, opslag en andere bijkomende diensten.
| Totaal per 31/12/2020 |
Totaal per 31/12/2019 |
|
|---|---|---|
| PROPORTIONELE CONSOLIDATIE (IN MILJOEN USD) | ||
| Omzet | 213,3 | 71,8 |
| EBITDA | 161,0 | 20,6 |
| REBITDA ( ) * |
11,8 | 19,1 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 135,8 | 2,0 |
| Geconsolideerd resultaat ná belastingen | 98,0 | -45,2 |
| Schepen (incl schepen in aanbouw en gebruiksrechten) | 443,1 | 466,1 |
| Financiële schulden | 224,9 | 248,1 |
( * ) REBITDA: recurrent bedrijfsresultaat voor intresten, belastingen, afschrijvingen en waardeverminderingen. Volgende elementen werden uitgesloten van EBITDA in 2020: licentievergoeding (USD 0,1 miljoen) en schikkingsvergoeding YPF (149,1 miljoen). Volgende elementen werden uitgesloten van EBITDA in 2019: licentievergoeding (USD 1,5 miljoen).
De businessunit EXMAR Infrastructure begon 2020 veelbelovend.
Drie van onze vier platformen presteerden naar verwachting onder hun respectieve contract, terwijl het vierde gunstige vooruitzichten had op middellange termijn. De verwachtingen voor de benutting in engineering waren hoog, aangezien de bouw van het derde halfafzinkbare drijvende productiesysteem met OPTI®-design op volle toeren draaide.
De impact van de COVID-19-pandemie, met historisch lage prijzen voor olie, gas en LNG op de internationale markten, heeft evenwel de wereldwijde olie- en gassector zwaar getroffen. De productie en de verkoopmarges vielen terug en om rendabel te blijven, waren de olie- en gasmaatschappijen gedwongen hun operationele en investeringsbudgetten te herzien om de liquiditeitsbehoeften op korte termijn in evenwicht te brengen met de opportuniteiten op langere termijn.
28
EBIT voor de Infrastructure Business Unit voor het volledige jaar 2020 was USD 135,8 miljoen vergeleken met USD 2 miljoen in 2019. De EBIT in 2020 is inclusief een netto vergoeding van USD 149,1 miljoen voor de vroegtijdige beëindiging van de overeenkomsten betreffende de TANGO FLNG. Deze vergoeding werd volledig erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten in 2020 overeenkomstig IFRS 15. De activiteiten van EXMAR Infrastructure werden op commercieel vlak getroffen, toen de charterer YPF het contract voor de TANGO FLNG verbrak wegens de gevolgen van de pandemie op lokaal niveau in Argentinië. EXMAR en YPF bereikten hierover een consensus en werden het eens over een regeling voor de beëindiging.
De tewerkstelling van de WARIBOKO in Nigeria werd uitgesteld tot begin 2021.
Op opperationeel vlak moesten zowel de mensen aan wal als het operationele personeel creatief zijn voor de vervanging van de bemanningen, de levering van goederen en reserveonderdelen en de aanwezigheid van field engineers. Wij danken al onze mensen aan boord en aan wal van harte voor hun grote trouw en flexibiliteit in dit moeilijke jaar. Hun toewijding heeft verzekerd dat onze platformen altijd beschikbaar zijn gebleven.
Tot slot en hoewel verscheidene engineeringprojecten werden uitgesteld, heeft de huidige portfolio van klanten en contracten EXMAR Offshore en DV Offshore in staat gesteld om de benutting in de loop van het jaar op een leefbaar niveau te houden.

Vanaf zijn aankomst in 2019 in de terminal van Bahia Blanca in Argentinië tot mei 2020 leverde de TANGO FLNG vijf transporten of 624.000 m³ LNG aan zijn klant YPF, met 99% beschikbaarheid.
In juni ontving EXMAR evenwel een kennisgeving van overmacht vanwege YPF. YPF beweerde dat de gevolgen van de coronaviruspandemie (COVID-19) op wereldvlak en in Argentinië YPF belette om haar verplichtingen volgens de over eenkomsten uit te voeren, met inbegrip van maar niet beperkt tot het vermogen om de facturen te betalen voor de in de periode vanaf de tweede helft van maart 2020 geleverde diensten. Na de laatste betaling, die in juni 2020 werd ontvangen voor de productie in maart 2020, werden de betalingen opgeschort op grond van de vermeende overmacht.
EXMAR heeft altijd haar rechten voorbehouden en begon een arbitrage. Vervolgens werden commerciële onderhandelingen gevoerd, die resulteerden in een overeenkomst over het geschil, waarbij YPF de arbitrage stopzet en EXMAR een schikkingsbedrag van 150 miljoen USD zal uitbetalen voor de vroegtijdige beëin diging van de overeenkomsten.
Op datum van dit verslag is USD 67,5 miljoen ontvangen, waarvan USD 40 miljoen is gebruikt voor de volledige aanvulling van de DSRA (Debt Service Reserve Account)onder de Facility Agreement met Bank of China (die nu USD 66 miljoen bedraagt). Het saldo van het schikkings bedrag moet door YPF worden betaald in 13 maandelijkse termijnen die worden gewaarborgd door een adequate financiële zekerheid.
Inmiddels is de eenheid in Argentinië gede mobiliseerd en overgebracht naar een beschutte locatie in Uruguay.
Na de effectieve beëindiging van het contract met YPF in oktober 2020 is de marketing volop bezig en aangezien de TANGO FLNG zijn waarde heeft bewezen, heeft de markt een gezonde belangstelling voor een nieuwe inzet. De wereldwijde stijging van de olie- en gasprijzen in het begin van 2021 zal de opportuniteiten voor heractivering ongetwijfeld ten goede komen.
Tegelijkertijd werkt EXMAR Infrastructure verder aan verscheidene nieuwe liquefactiedossiers in haar portfolio. Een van de andere projecten waar EXMAR in 2020 aan werkte, was een FEEDstudie voor de Leviathan partners, het Israëlische Noble Energy, Delek Drilling en Ratio. Later in 2020 hebben fusie- en overnameactiviteiten bij de klant de voortgang van het project verhinderd. EXMAR is overtuigd van de soliditeit van de businesscase en rekent erop dat het project weer op de agenda zal komen.

De op een platform gebaseerde hervergassings eenheid FSRU S188 van EXMAR werd in 2018 opgeleverd en voor 10 jaar door de groep Gunvor gecharterd. De eenheid blijft onder de charter werken.
In september 2019 gaf Gunvor kennis van een geschil met betrekking tot de charter en begon het een arbitrage. De arbitrage over het geschil onder het contract is nog niet afgelopen en heeft geen financiële impact.
Het accommodatieplatform NUNCE presteert zoals verwacht onder zijn charter met Sonangol en heeft in 2020 volgens de verwachtingen bijgedragen aan het resultaat van EXMAR Infrastructure.
De WARIBOKO voerde in de eerste helft van 2020 een korte missie uit in Congo. Daarna zou de eenheid volgens plan opnieuw in Nigeria


worden ingezet voor Total E&P Nigeria, vanaf augustus en voor een periode van 18 maanden. Na de uitbraak van COVID-19 en de olie- en gascrisis veranderde TOTAL E&P haar plannen, resulterend in een nieuwe inzet voor een periode van zes tot negen maanden vanaf februari 2021.
Ondanks de beperkingen van het verplichte thuiswerk tijdens de COVID-19-pandemie en de olie- en gascrisis die erop volgde, heeft EOC in 2020 een hoge benutting van haar engineering gekend, met een positieve bijdrage aan het resultaat van de groep.
Een beduidend percentage van de beschikbare middelen werd ingezet voor de gedetailleerde engineering en het toezicht op de bouw van het derde halfafzinkbare drijvende productiesysteem voor het project King's Quay van Murphy Oil Corporation, dat het OPTI®-design gebruikt. King's Quay wordt het grootste OPTI®-design tot op heden. Murphy Oil, een van de vijf grootste producenten in de Golf van Mexico, is ook de eigenaar van de zeer succesvolle productiefaciliteit Delta House, die op het OPTI® design gebaseerd is.
Naast het project King's Quay begon het eerste engineeringwerk aan verscheidene potentiële nieuwe OPTI®-projecten in de Golf van Mexico. Na het overgangsjaar 2019 kon DV Offshore dankzij haar langdurige relaties met haar belangrijkste klanten de storm van uitgestelde of geannuleerde projecten in 2020 doorstaan.
In 2021 zal de businessunit EXMAR Infrastructure focussen op de verbetering van zijn portfolio van assetcontracten en meer bepaald op de nieuwe inzet van de TANGO FLNG en langlopende contracten voor de accomodatieplatformen.
Tegelijkertijd zullen de inspanningen worden voortgezet voor de ontwikkeling van nieuwe projecten in nearshore en offshore productie, verwerking, opslag en andere bijkomende diensten. In dat opzicht kunnen de unieke ervaring en de netwerken in Parijs, Houston, Angola en Antwerpen worden benut voor de levering van kostencompetitieve en flexibele gebruiksklare drijvende oplossingen, van de eerste engineering tot en met de inbedrijfstelling en exploitatie.
Voor engineering is de blijvende doelstelling de verbetering van het rendement van de operaties op een duurzame basis, en de diversificatie naar projecten met lage koolstofuitstoot. In februari 2021 ontving EOC een subsidie van het National Offshore Wind Research & Development Consortium voor de haalbaarheidsstudie voor de conversie van een installatieschip voor windturbines conform Jones Act.
De belangrijkste macro-economische drivers op de wereldwijde energiemarkt blijven positief voor het transport van toenemende volumes LNG en de ontwikkeling van de LNG-infrastructuur. Aardgas blijft de schoonste fossiele brandstof als aanvulling van de hernieuwbare energiealternatieven. De toenemende reglementering van het affakkelen in de productie van olie en gas en de steeds strengere vereisten voor de uitstoot van zwavel en CO2 steunen de groeiende vraag naar aardgas in de volgende jaren.
Drijvende liquefactie wordt als een economisch aantrekkelijk en complementair alternatief voor infrastructuur aan wal beschouwd voor de export van LNG in meer kleinschalige projecten met een korte doorlooptijd. Momenteel is slechts 7,7 miljoen ton per jaar drijvende liquefactiecapaciteit in gebruik en 11 MTPA in ontwikkeling. Dit vertegenwoordigt minder dan 3% van de wereldwijde liquefactiecapaciteit.
Er wordt de komende jaren veel groeipotentieel verwacht als snelle oplossing voor het genereren van inkomsten uit gas.
Het grootste gedeelte van deze capaciteit is voor intern gebruik gebouwd. Slechts twee eenheden met een capaciteit van 2,5 MTPA – een ervan is de TANGO FLNG – zijn in onafhankelijk eigendom. Deze twee FLNG's in onafhankelijke eigendom hebben inmiddels bewezen een kostenefficiënte oplossing te zijn in vergelijking met interne ontwikkelingen.
Met zijn inzet in Argentinië is de TANGO FLNG een waardevolle schakel gebleken in de LNG-toeleveringsketen uit een perspectief van LNG-handel op de lange termijn.
EXMAR's FLNG-systeem vermindert de timeto-market drastisch door drijvend liquefactie en opslag voor de ontwikkeling van gasvelden aan te bieden op een kostenefficiënte en flexibele manier waardoor grote en kostbare infrastructuur op het land niet meer nodig is.


Door de aanmerkelijke stijging van de LNG-prijzen begin 2021 tot een normaal niveau na de crash van 2019/2020, is EXMAR ervan overtuigd een nieuwe tewerkstelling te zullen vinden voor TANGO FLNG die zo zijn meerwaarde zal kunnen herbevestigen, dankzij de mindere behoefte aan voorafgaande investering, het kortere implemen tatieschema en het lagere technische risico in de projectontwikkeling, zodat de klant op de handel in/monetisering van de molecule kan focussen. TANGO FLNG is op vandaag een zeer interessante gelegenheid om aardgasbronnen te ontsluiten en toegevoegde waarde te bieden aan eigenaars van gasreserves, overheden en industriële spelers.
Doorgaand op de ervaring die EXMAR heeft opgedaan in het TANGO FLNG project, onderzoekt het Infrastructure team een verscheidenheid aan drijvende liquefactieprojecten in verschillende fasen van ontwikkeling. Aanzienlijke uren engineering werden besteed aan de ontwikkeling van een breed scala FLNG- concepten en ontwerpen voor capaciteiten variërend van 0,5 tot vijf miljoen tot per annum (MTPA).
EXMAR is ervan overtuigd dat de huidige weg naar innovatie op deze markt een continue focus houdt op flexibiliteit, operationele uitmuntend heid en kostenefficiëntie. Alle door EXMAR voor gestelde oplossingen worden afgestemd op de eisen van elke klant en het onderliggende project.
In samenwerking met EXMAR Shipmanagement biedt EXMAR Infrastructure totaalpakketen met een uitgebreid gamma aan activiteiten en onder houdsdiensten met inbegrip van scheepsbeman ning, diensten, HSEQ management, certifiëring en klassegoedkeuring.
Groei van de wereldwijde
vraag naar gas per regio
Drijvende hervergassing is uitgegroeid tot een volwaardige industrie met vele onafhankelijke spelers en eenheden op de markt. Er zijn volgens Clarksons per eind 2020 niet minder dan 41 FSRU's in gebruik met een capaciteit variërend van 100.000 tot 200.000 m³ op een totaal van een wereldwijde LNG-vloot van 622 eenheden
EXMAR heeft als eerste bedrijf ter wereld een op een platform gebaseerde drijvende opslagen hervergassingseenheid (FSRU) gebouwd, in eigendom en in beheer. EXMAR heeft ervaring sinds 2005 met meer dan 10 nieuwbouw FSRU's, vijf FS(R)- conversies en de inbedrijfstelling van meer dan 15 FSRU-terminals. Deze expertise en operationele ervaring is van zeer grote waarde voor EXMAR's cliënteel in de ontwikkeling van hun LNG-importprojecten.
Op dit ogenblik bezit EXMAR één FSRU van de laatste generatie. FSRU-platformen concurreren niet met FSRU-schepen, maar kunnen van belang zijn voor nicheprojecten waarbij men steenkool of zware brandstof wil vervangen door aardgas als energiebron voor specifieke toepassingen zoals onder andere elektriciteitscentrales. Voor dit soort projecten zijn er op locatie vele operationele vereisten waar precies de toepassing van een FSRU-platform het verschil kan maken.
Net zoals voor drijvende hervergassing is EXMAR is ervan overtuigd dat de huidige weg naar innovatie op deze markt een continue focus houdt op flexibiliteit, operationele uitmuntendheid en kostenefficiëntie door een all-in aanpak.
EXMAR werkt al twee decennia op deze markt en levert altijd diensten met een niveau dat de markt overtreft aan klanten van eerste rang. Dankzij deze staat van dienst en met de steun van onze plaatselijke joint-venturepartners en het kantoor van EXMAR Africa in Angola, staan de twee acco modatieplatformen NUNCE en WARIBOKO als eerste in de rij om de voorkeursleverancier te zijn voor de behoeften aan hotellogistiek van de grote olie- en gasoperators in de regio West-Afrika.
Op het eind van het jaar was de markt voor drijvende accomodatie in West-Afrika niet erg actief, met een aantal werkloze en problematische assets die de marktvoorwaarden verstoorden.
2021 wordt een mijlpaaljaar voor EXMAR Offshore Company (Houston), met de levering door de Koreaanse scheepswerf van de derde op het OPTI ®-design gebaseerde drijvende oliepro ductiefaciliteit aan haar eigenaren. Dit wordt de eerste OPTI ® die volledig door één scheepswerf gebouwd is. De eenheid zal worden ingezet in de Golf van Mexico, waar ook de twee andere bestaande OPTI ®-designs actief zijn.
De voortzetting is bevestigd van de OPTI ® projecten die voor de Golf van Mexico worden ontwikkeld en waarvoor EOC in 2020 het eerste engineeringwerk heeft uitgevoerd. EXMAR Offshore Company is klaar om de projecten in 2021 naar de volgende designfase en de defi nitieve investeringsbeslissing te brengen.
Voor EXMAR Offshore Company zullen de projecten voor diepwaterproductie met het OPTI ®-design de belangrijkste bron van inkomsten blijven. Tegelijkertijd schakelt de olieen gasindustrie in de VS snel over naar projecten met lagere koolstofuitstoot, zoals offshore wind. EXMAR Offshore Company werkt al een aantal jaren aan offshore winddesigns met de prestaties van de OPTI ®-romp als inspiratie. In 2020 werden enkele designstudies voorgezet die naar verwacht in 2021 zullen worden gegund.
Dezelfde overgang naar projecten voor hernieuw bare energie is ook bij DV Offshore in Parijs gelei delijk aan merkbaar. Bestaande en nieuwe klanten beginnen in die context een beroep te doen op de maritieme en offshore expertise van DV Offshore.
Zowel EXMAR Offshore als DV Offshore zullen in de volgende jaren het aandeel van de offshore hernieuwbare energie en de oplossingen voor een lagere koolstofuitstoot in hun activiteiten uitbreiden.
De bijdrage van de dienstenactiviteiten tot het bedrijfsresultaat (EBIT) voor 2020 was USD 9,7miljoen (inclusief USD 13 miljoen compensatie voor de beëindiging van de scheepsbemannings overeenkomsten van de 7 schepen van Excelerate Energy die gemanaged werden door EXMAR Shipmanagement) vergeleken met USD 18 miljoen in 2019 (dat positief werd beïnvloed door een meerwaarde van USD 19,2 miljoen op de verkoop van
RESLEA).
EXMAR Shipmanagement levert kwaliteitsvolle diensten voor scheepsbeheer en aanverwante diensten aan LPG-tankers, bulktankers, FLNG's, FSRU's, FSU's, FSO's en accomodatieplatformen. In het voorbije decennium is EXMAR Shipmanagement uitgegroeid van een interne leverancier van diensten voor scheepsbeheer tot een bekende leverancier van Operations & Maintenance (O&M)-diensten in nichesegmenten van de olie- en gasindustrie.
| Totaal per 31/12/2020 |
Totaal per 31/12/2019 |
|
|---|---|---|
| PROPORTIONELE CONSOLIDATIE (IN MILJOEN USD) | ||
| Omzet | 46,8 | 42,3 |
| EBITDA | 10,8 | 19,9 |
| REBITDA ( ) * |
-2,2 | 0,9 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 9,7 | 18 |
| Geconsolideerd resultaat ná belastingen | 20,1 | 39,2 |
| Schepen (incl schepen in aanbouw en gebruiksrechten) | 0,0 | 0,0 |
| Financiële schulden | 4,7 | 24,7 |
( * ) REBITDA: recurrent bedrijfsresultaat voor intresten, belastingen, afschrijvingen en waardeverminderingen. Volgende elementen werden uitgesloten van EBITDA in 2020: opzegvergoeding Excelerate (USD 13 miljoen). Volgende elementen werden uitgesloten van EBITDA in 2019: verkoop van RESLEA en BIM (USD 19 miljoen).
Tijdens de COVID-19-pandemie heeft EXMAR Shipmanagement snel en efficiënt gereageerd om diverse noodplannen voor het gezondheidsbeheer te ontwikkelen, zodat de operationele continuïteit van de volledige vloot niet in het gedrang kwam. Voor de teams aan wal en op zee waren de communicatie en connectiviteit cruciaal voor een ononderbroken dienstverlening. Een versnelde digitalisatie om telewerk mogelijk te maken, verzekerde samen met een grotere bandbreedte voor onze vloot een goede connectiviteit tussen de individuele teamleden en ook tussen onze zeevarenden en hun families. De grootste uitdaging voor EXMAR Shipmanagement in de COVID-19-pandemie is de beperkte mogelijkheid om bemanningen te vervangen. De bemanningswissels werden vrijwel volledig opgeschort tot eind april, op een klein aantal uitzonderingen na. Maar dankzij de toewijding van de teams aan wal en de flexibiliteit van onze collega's op zee werden de bemanningen tegen het eind van het jaar weer geleidelijk aan normaal vervangen. Op uitzonderlijke ogenblikken als deze toont onze investering op lange termijn in onze mensen haar volle waarde.
34

EXMAR Shipmanagement focuste niet alleen sterk op COVID-19 maar implementeerde en voltooide in 2020 ook een lange lijst van operationele verbeteringen – allemaal onderdelen van de 'back to basics' strategische doelstellingen die begin 2020 werden bepaald. Het aantal aanmerkingen tijdens havenstaatcontroles, SIRE en CDI inspecties toonde een duidelijk positieve trend, onder het Intertanko sectorgemiddelde van 2,8 aanmerkingen per inspectie. Bovendien bleef het aantal ongevallen aan boord (ongevallen met werkverlet ('LTI') en Total Recordable Cases Frequency ('TRCF')) dalen en eindigde het onder de gestelde streefdoelen. Daarnaast werd de basis gelegd voor de upgrade van onze Enterprise Resource Planning-software en werden zowel de portal voor digitale opleiding als de portal voor het doorlichtingsbeheer met succes geïmplementeerd.
EXMAR Shipmanagement heeft altijd een gevarieerde portfolio van scheeps- en infra structuureigenaren in de olie- en gasindustrie gehad. In 2020 werd de klantenportfolio van EXMAR Shipmanagement uitgebreid met Bashundhara LP Gas – met de toevoeging van de VLGC Bashundhara LPG Challenger, de VLGC Bashundhara LPG Warrior, en de FP LPG Maria. EXMAR Shipmanagement werd bovendien de voorkeursleverancier van ship-to-ship diensten van Bashundhara LP Gas. Omgekeerd besloot Avance Gas haar activiteiten voor ship manage ment te consolideren en beëindigde het haar activiteiten voor ship management met EXMAR Shipmanagement in 2020. Daarnaast kondigde Citrosuco in 2020 de heropening van haar eigen divisie ship management aan en haar plannen voor de transitie van haar vloot naar haar interne divisie in de eerste helft van 2021.
Daarentegen, voltooide Excelerate Energy de vlootovergang van EXMAR Shipmanagement naar Excelerate Technical Management tegen het derde kwartaal 2020. Bovendien heeft Avance Gas beslist om haar scheepsmanagementactiviteiten te consolideren en beëindigde bijgevolg de scheepsmanagementactiviteiten met EXMAR Shipmanagement tegen het derde kwartaal 2020. Voorts kondigde Citrosuco in 2020 de heropening van hun eigen scheepsmanagement divisie aan plannen hun vloot over te brengen naar de eigen divisie in de eerste helft van 2021.
Terwijl de COVID-19 pandemie onze trainings afdeling beperkt om een fysieke conferentie in de thuislanden van onze belangrijkste zeevarende regio's te organiseren, hebben we wel drie virtuele conferenties gehouden. De virtuele bemanningsconferenties waren een goede basis die ervoor zorgt dat onze zeevarende collega's op één lijn blijven met de bedrijfswaarden, om een open dialoog met onze zeevarenden aan te gaan, om onze bemanning te trainen in de beste praktijken in de sector, en hen te informeren over de laatste ontwikkelingen in de sector en de EXMAR Groep. Gemiddeld namen ongeveer 100 deelnemers aan elke virtuele bemanningsconferentie deel. Aangezien opleiding de hoeksteen is van de veilige en gezonde exploitatie van onze vloot onder beheer, organiseerden we een virtueel alternatief voor veel van onze fysieke opleidingen. De opleidingsafdeling organiseerde zeven virtuele MCRM (Maritime Crew Resource Management) sessies, 20 virtuele Safety Mindset en Safety Leadership sessies, vijf virtuele MAN SCR- en ME-opleidingen sessies, en vijf andere virtuele opleidingssessies. Online alternatieven werden beschikbaar gesteld gesteld voor geavanceerde operationele gasopleiding, HLO (Helicopter Landing Officer) en HERTL (Helideck Emergency Response Team Leader). Voor de opleidingen waarbij fysieke aanwezigheid vereist is, werden lokale oplossingen gezocht. Daarnaast werd een online bedrijfsopleidingsplatform gecreëerd, waar bedrijfstrainingen beschikbaar werden gesteld aan het personeel aan wal en op zee. Aan het eind van 2020 bood het nieuwe platform acht eigen trainingen, vijf presentaties en een uitgebreid inwerk- en on boarding programma voor nieuwe zeevarenden aan, in alle rangen.
De strategische doelstellingen voor 2021 worden gegroepeerd rond het thema 'moving ahead in harmony'.
Hoewel het streven naar de inzet van digitale technologieën niet nieuw is, heeft de wereldwijde pandemie de behoefte aan meer connectiviteit en digitalisatie aan boord sterk versneld. Bovendien is op 1 januari 2020 de resolutie van de Internationale Maritieme Organisatie over het beheer van het maritieme cyberrisico van kracht geworden. Het strategische doel van een efficiënte kantoororganisatie zet ons aan tot bijkomende investeringen in Enterprise Resource Planning-software, met een upgrade naar de nieuwste versie, terwijl we ook onze capaciteiten voor dashboarding en data analytics verder ontwikkelen. De teams aan wal en de teams op zee zullen in harmonie de digitalisatie voortzetten.
2021 zal opnieuw een interessant jaar worden, met de levering van twee innovatieve op LPG varende Very Large Gas Carriers die EXMAR bij de Chinese scheepswerf Jiangnan besteld heeft. Bovendien zal een grotere commerciële focus worden gelegd op de uitbreiding van de gasvloot van derde partijen die EXMAR Shipmanagement beheert.
De investering in de veiligheidsnormen van de onderneming zal in 2021 worden voortgezet. Wij plannen in 2021 de uitrol in de volledige vrachtvloot van het geïntegreerde werkproces van het Systeem voor veiligheidsbeheer (Control of Work). In de infrastructuurvloot zal een functioneel plan voor veiligheidsbeheer worden geïmplementeerd. Bovendien zal voor het geheel van de vloot een bijkomende nadruk worden gelegd op het leren uit ervaring en het streven naar uitmuntendheid – onder meer met de aanstelling van veiligheidsambassadeurs.
De COVID-19-pandemie heeft het belang van de menselijke factor in de sector van het ship management opnieuw bevestigd. Effectieve, efficiënte, veilige en betrouwbare operaties van gastankers hangen af van de succesvolle prestaties van de bemanningen en het walpersoneel. De 14 key performance indicators van Tanker Management and Self Assessment (TMSA) en de bijkomende richtlijnen voor best practices van de sector zullen worden gebruikt om het belang van de menselijke factor in de systemen voor veiligheidsbeheer op te nemen en de naleving aan wal en op zee te verzekeren. Wij zullen blijven focussen op een zo klein mogelijke kloof tussen wal en schip, door de KPI's voor de scheepsbezoeken en de bemanningsconferenties na te leven en in de opleidingen het walpersoneel met het varend personeel te mengen.
Als ship manager nemen wij onze verantwoordelijkheid op en dragen wij in aanzienlijke mate bij aan de realisatie van de ruimere duurzaamheidsagenda van de maritieme sector. Wij zullen verder investeren in het softwarepakket Ecoinsight, om onze eigenaren data, trends, tools en inzichten


te leveren voor de verbetering van hun CO 2- en NO X-voetafdruk. Daarnaast worden duidelijke streefdoelen bepaald om de hoeveelheid aan boord geproduceerd afval te beperken.
BEXCO is een toonaangevende Europese fabri kant van nauwkeurig ontworpen synthetische meertouwen, sleeptouwen en hijstouwen voor offshore, maritieme en industriële toepassingen.
De COVID-19-crisis had in 2020 een impact op de productie en de leveringen van BEXCO. Dankzij creatief teamwerk en de toewijding van zijn personeel slaagde de onderneming er echter in de klantenbestellingen te blijven behandelen, met een minimale uitvaltijd en goed beheerste kosten. Deze continuïteit, samen met een gezond orderboek voor diepwatertrouw en sterke presta ties in touwoplossingen voor zwaar offshore hijs werk en het aanmeren van megacontainerschepen leidde tot een winstgevend jaar voor BEXCO.
De offshore activiteiten presteerden in 2020 buitengewoon goed en BEXCO boekte haar hoogste omzet ooit in aanmeerprojecten in diep water. De markt voor offshore eenpuntsveranke ring veerde in 2020 eveneens op met goede pres taties en BEXCO leverde meer synthetisch touw voor zwaar hijswerk en ontving meer bestellingen voor hijsstroppen voor de offshore windmarkt.
Begin 2021 sleepte BEXCO een tweede contract voor haar eenpuntsverankering voor het drijvende

windsegment in de wacht, en het verwacht haar aandeel op deze groeiende markt te verruimen.
Het maritieme segment presteerde goed in de sector van de containervaart, met de bevoorra ding van nieuwe Ultra Large Container Vessels (ULCV). Het cruisesegment werd evenwel zwaar door de pandemie getroffen. Vrijwel de volledige wereldvloot was werkloos, zodat commerciële beslissingen over bestellingen werden uitgesteld.
In 2021 zal BEXCO haar contractuele verbin tenissen voor bestellingen voor diepwatertouw blijven uitvoeren en verwacht het een blijvende gezonde groei in de segmenten offshore zwaar hijswerk en synthetisch touw en stroppen voor offshore wind. De onderneming zal focussen op de verdere doorlopende verbetering van haar productie en efficiëntie, met de aanstelling van een nieuwe Chief Operating Officer. Tegelijkertijd investeert ze in nieuwe verkoopmiddelen om haar globale voetafdruk te verruimen.
Travel PLUS is een onafhankelijk reisbureau dat zowel zakelijke als recreatieklanten gepersona liseerde diensten aanbiedt. Het levert zakelijke en recreatieklanten een persoonlijke service van hoog niveau en combineert reisroutes op maat met een uitzonderlijke klantendienst.
De uitbraak van COVID-19 heeft in de reissector veel onzekerheid geschapen. In 2020 ging een aantal werknemers in tijdelijke werkloosheid.
De crisis heeft een ongeziene financiële impact op het geheel van de crisis en dus ook op Travel PLUS, met in 2020 een verlies voor een onderneming die een gezond rendement en organische groei gewoon is.
De evolutie van de reistrends in 2021 blijft onzeker. Veel zal afhangen van de implemen tatie van de vaccinatiestrategie, vooral gelet op de omvang van de trouwe Belgische klantenbasis van Travl PLUS.
EXMAR Yachting beheert een vloot van luxevaar tuigen en helpt zowel ervaren als beginnende eigenaren met de refit, het onderhoud en de chartering van hun luxejachten. Het team van uiterst professionele kapiteins, technische opzichters, bemanningsmanagers en operationeel personeel verzekert een specifieke en persoonlijke service voor elk jacht.
Ondanks de vele uitdagingen van 2020 kon EXMAR Yachting aan de behoeften van de eige naars en klanten voldoen.
In weerwil van de gezondheidscrisis en de impact op de pleziervaart kon het yachtingteam zich aanpassen en zijn klanten alternatieve luxereizen aanbieden.

38

39

Het investeringslandschap verandert. ESG wordt het overkoepelde begrip voor verantwoordelijk investeren, duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen.
EXMAR investeert sinds lang in duurzame scheepstechnologie en innovatieve drijvende oplossingen. Al sedert haar oprichting in het begin van de jaren 1980 pleit het voor zorg voor vandaag en respect voor morgen in al haar activiteiten. De ondernemingen dragen de taak en de verantwoordelijkheid om deze drie ESG-pijlers waar te maken en EXMAR blijft haar inspanningen opdrijven om de rapportering van
haar milieu- en sociale prestaties te verbeteren, voorbij het traditionele kader van de corporate governance.
EXMAR wil haar inspanningen voor ESG beter onder de aandacht brengen van haar stakeholders. Een veelomvattend EGS-profiel zal niet alleen alle stakeholders geïnformeerd en op de hoogte houden maar ook de waarden van de onderneming ontwikkelen, beschermen en bijwerken.
De ontwikkeling van een EGS-profiel is een constant proces, een doorlopend werk terwijl de vereisten op ondernemingsniveau evolueren en de regelgevende overheden en de financiële sector steeds hogere eisen stellen.

"
EXMAR heeft Steve Engelen met ingang van 1 januari 2021 aangesteld als ESG Officer. Samen met een eigen team zal hij de inspanningen van de onderneming voor de ESG-integratie stroomlijnen
we doen zaken met respect voor de wereld waarin we actief zijn en we erkennen dat onze activiteiten gevolgen hebben voor onze collega's, klanten, leveranciers, partners en de maatschappij, als wereldwijde eersteklas leverancier van gespecialiseerde diensten voor de olie- en gasindustrie.
dienstverband aan te gaan en te beëindigen volgens de relevante collectieve arbeidsovereenkomsten; de vrijheid van vereniging en collectieve arbeidsonderhandelingen; en de toegang tot informatie over rechten en plichten tijdens een dienstverband.
In deze context is onze Mission Statement volledig in lijn met de ESG-ontwikkelingen en de principes van EXMAR, zoals hierboven weergegeven. Daarnaast onderschrijft EXMAR de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen (DOD) van de Verenigde Naties die relevant en materieel zijn voor ons bedrijf. Deze doelstellingen, die in 2015 werden bepaald, beschrijven de duurzaamheidsnormen tot het jaar 2030. Het gebruik van de relevante DOD zal EXMAR helpen in haar streven naar een duurzame toekomstige groei.


> www.un.org/sustainabledevelopment/
De DOD zijn het resultaat van tientallen jaren werk van landen en de VN:
> De ontwikkeling van de DOD begon in 1992 (Top van de Aarde in Rio de Janeiro) met Agenda 21, die leidde tot de aanvaarding van de Millenniumverklaring door de VN in 2000 en vervolgens de aanvaarding in 2012 van het resultaatdocument 'De toekomst die wij willen' door de lidstaten van de VN.
Voor EXMAR belichaamt het motto 'zorg voor vandaag, respect voor morgen' nu al veel van onze ambities voor de integratie van ESG en het streven naar de doorlopende verbetering van de processen van onze bestaande assets. Voor de integratie van ESG in de toekomstige operaties verbindt EXMAR zich ten volle tot de investering in de schoonste en meest geavanceerde schepen en infrastructuur en tot de ontwikkeling van activiteiten op nieuwe markten die bijdragen aan de verdere beperking van de koolstofvoetafdruk, zoals LPG/ammoniak als brandstof, CO2 of waterstof. Ons Mission Statement heeft uitdrukkelijk tot doel gespecialiseerde oplossingen te ontwerpen en te ontwikkelen voor klanten die innovatieve middelen nodig hebben voor de opslag, het transport en de overslag van koolwaterstoffen in vloeibare en gasvorm. Het feit dat innovatie in ons DNA zit, wordt duidelijk geïllustreerd door de pioniersrol die EXMAR van bij het begin heeft gespeeld in het ontwerp van MGC's, waarvan nu de zesde generatie in de vaart is en elke nieuwe eenheid beter presteert op het vlak van het brandstofverbruik en de uitstoot.
EXMAR wijdt sinds lang aandacht aan de veiligheid, de gezondheid en het welzijn van haar personeel op zee en aan wal, de kwaliteit van haar activa en uitrusting en de bescherming van het milieu. Het aangepaste governance charter dat in 2020 door de Raad van Bestuur werd goedgekeurd en de ondertekening door EXMAR van de Neptune Declaration over de bescherming van het welzijn van de zeevarenden en verantwoordelijke bemanningswissels zijn daar voorbeelden van.
Dit eerste ESG-verslag bestrijkt de periode van 1 januari tot 31 december 2020, zonder vergelijkingen met vorige jaren uit te sluiten, en belicht de belangrijkste trends. Eerst zullen we dieper ingaan op ESG in de scheepvaartactiviteiten van EXMAR. De cijfers over de vloot van EXMAR hebben betrekking op de door EXMAR Shipmanagement en Wah Kwong beheerde schepen. Vervolgens zullen we de ESG-aspecten voor de businessunit Infrastructure onderzoeken.
In het kader van een ruimere benadering van de duurzaamheid hebben wij de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de VN (DOD) 13 en 14 met betrekking tot het MILIEU als relevant voor EXMAR geïdentificeerd.
Wij leveren belangrijke inspanningen om onze vloot efficiënter te maken, door het brandstofverbruik te optimaliseren en de uitstoot te verlagen. Dit past volledig in de geest van DOD 13 'klimaatverandering tegengaan' en ligt in lijn met de inspanningen van de EU/IMO voor de decarbonisatie van de scheepvaart.
Onze operaties volgen DOD 14 voor de bescherming en het duurzame gebruik van de oceanen en hun hulpbronnen, door de internationale maritieme wetgeving na te leven en best practices toe te passen (correct beheer van water en afval, indamming van olielekken enz.).

LPG wordt als het beste alternatief voor de traditionele huishoudelijke brandstoffen beschouwd in afgelegen gebieden van bijvoorbeeld India en Afrika, in de context van de beperking van de uitstoot van broeikasgassen. De schadelijke uitstoot van de huishoudens, voornamelijk afkomstig van het koken, blijft een van de belangrijkste wereldwijde oorzaken van ziekten en overlijdens
Zoals uiteengezet in het gedeelte 'Ons bedrijf' is LPG een veelzijdig product en veruit het beste alternatief voor de traditionele huishoudelijke brandstoffen in de context van de beperking van de uitstoot van broeikasgassen, vooral in afgelegen gebieden in bijvoorbeeld India of Afrika. De schadelijke uitstoot van de huishoudens, voornamelijk afkomstig van het koken, blijft een van de belangrijkste wereldwijde oorzaken van ziekten en overlijdens (jaarlijks ongeveer vier miljoen wereldwijd). Dat is meer dan het totale aantal overlijdens als gevolg van HIV/AIDS, malaria en tuberculose samen. Het Internationaal Energieagentschap erkent dat het gebruik van LPG de schadelijke impact op de gezondheid in deze gebieden beperkt. Dit onderbouwt het bestaan van speciale LPG-programma's in landen als Brazilië en Indonesië, die de uitstoof van fijnstof sterk doen dalen. De World LPG Association heeft aangetoond dat in India en Afrika de verbranding van LPG in plaats van biomassa zowel de ontbossing als de CO2-impact tegengaat. In dit opzicht is EXMAR zich ten volle bewust van de uitdagingen van de klimaatverandering en van de grote opportuniteit die de transitie naar een koolstofarme wereld schept voor het gebruik van LPG in plaats van kerosine of andere zware brandstoffen.
| Meeteenheid | 2020 | 2019 | 2018 | |
|---|---|---|---|---|
| MATRIX SCHEEPSACTIVITEIT | ||||
| Zeevarend personeel | Aantal | 1.375 | 2.124 | 1.784 |
| Afgelegde afstand | NM | 1.969.529 | 2.001.766 | 1.764.075 |
| Werkdagen | Aantal | 12.215 | 12.004 | 12.441 |
| Vloot | Dwt | 785.639 | 785.639 | 862.926 |
| Aantal schepen | Aantal | 34 | 34 | 35 |
| LPG vervoerd | Metrische ton | 6.312.798 | 5.979.598 | 5.708.585 |
| Ammoniak vervoerd | Metrische ton | 1.914.128 | 2.217.337 | 1.818.417 |
| LNG vervoerd | Metrische ton | 232.863 | 332.589 | 561.164 |
| Petrochemische gassen | Metrische ton | 353.520 | 368.362 | 350.234 |
| Aantal havenbezoeken | Nummer | 1.935 | 1.944 | 1.948 |
| Metrisch/Materialiteit | Inidcator/Meeteenheid | 2020 | 2019 | |
|---|---|---|---|---|
| MILIEU | ||||
| KLIMAAT | CO2 | Metrische ton | 603.309 | 613.504 |
| LNG geproduceerd | M³ | 364.300 | 256.600 | |
| Energieverbruik | Metrische ton | 195.275 | 198.608 | |
| ENERGIE | Energie verbruikt | Gigajoules | 8.681.711 | 8.747.372 |
| waarvan zware stookolie | Gigajoules | 5.177.682 | 5.861.943 | |
| Energie efficiëntie( ) * |
Gram CO2/tonmijl | 8.09 | 8.09 | |
| Luchtkwaliteit: emissie-uitlaat | ||||
| NOx | Metrische ton | 12.622 | 13.141 | |
| SOx | Metrische ton | 1.060 | 6.770 | |
| Stofdeeltje | Metrische ton | 925 | 1.023 | |
| BRONNEN | Water beheer | Uitwisseling % | 50 | 55 |
| Behandeling % | 50 | 45 | ||
| Olie lekkages | Over boord (nummer/m³) | 0 | 0 | |
| Aan boord (nummer/m³) | 2 gebeurte nissen 0,6m3 |
3 gebeurte nissen 1,1m3 |
( * ) EEDI (toepasselijk vlootgemiddelde)
"
De invoering door de IMO van een globaal zwavelplafond op 1 januari 2020 was een belangrijke verandering voor de scheepvaartsector, die meer en meer overstapt op verschillende brandstoftypes zoals HFO met laag zwavelgehalte, MGO en andere recentere nieuwkomers als LPG, methanol en LNG. EXMAR, dat al veel schonere MGO verbrandt omdat een aanzienlijk aantal van haar schepen in SECAzones werken, kon het verbruik van HFO in 2020 weer met ongeveer 12% verlagen. De strategie van een toenemende decarbonisatie van de samenleving en de scheepvaart blijkt duidelijk uit de reglementeringen die al bestaan of in de volgende jaren zullen worden ingevoerd, in het bijzonder de Green Deal van de EU, met tegen 2030 een daling van de CO2-uitstoot met 40% en tegen 2050 een daling van de CO2-uitstoot in het transport (met inbegrip van de scheepvaart) met 90% vergeleken met de niveaus van 2008. Zowel op wereldvlak via de IMO als in de EU via de Europese Commissie worden opmerkelijke maatregelen genomen die de scheepvaartmarkt in de volgende jaren zullen transformeren:
> Op het niveau van de IMO ontwikkelt het MEPC 75 strengere EEDI- en EEXI-normen voor respectievelijk nieuwe en bestaande schepen. Men werkt aan een index van de koolstofintensiteit die de effectieve koolstofuitstoot en de vervoerde vracht reis per reis zal volgen.
Hoewel het regelgevende kader niet duidelijk gedefinieerd is en niet de beste manier is om een technische verlaging van de uitstoot van broeikasgassen te bereiken, heeft EXMAR grote ambities voor de toekomst. EXMAR Shipmanagement steunt duurzaamheidsinitiatieven en is lid van het Environmental Committee van Intertanko. Het engagement voor een verlaging van de uitstoot en een optimalisatie van het brandstofverbruik wordt via jaarlijkse doelstellingen gemonitord. EXMAR Shipmanagement neemt vrijwillig deel aan het Environmental Ship Indexsysteem (ESI), dat elk schip een ESI-score geeft op basis van zijn uitstoot. EXMAR gebruikt een door DNV goedgekeurd dashboardsysteem voor een consistente, nauwkeurige tracering van de prestaties van haar schepen. Veel gegevens worden al getraceerd en gedeeld in het kader van de Fuel Oil Data Collection Systems (DCS) van de IMO of de MRV-verordening 2015/757 van de EU voor de monitoring, de rapportage

Verbruik hoofdmotor

en de verificatie van CO2-emissies door maritiem vervoer, ook voor schepen onder 5000 GT die niet onder deze reglementering vallen.
Per schip werd gemiddeld ongeveer 15% minder CO2 uitgestoten dan in 2019, rekening houdend met de afgelegde afstanden en de vervoerde vracht. Voor de monitoring van de energie-efficiëntie wordt een Ship Energy Efficiency Management Plan (SEEMP) gebruikt om de prestaties van het schip in de tijd te controleren en te optimaliseren, bijvoorbeeld aan de hand van de Energy Efficiency Operational Indicator (EEOI). Naast de routering van de bestemmingen, die door de charterers wordt bepaald, zijn er tal van maatregelen voor de verbetering van de efficiëntie die met de EEOI kunnen worden gemeten. Ze variëren van de optimalisatie van de trim tot de weersroutering, de coating van de romp, de schoonmaak van de romp/propeller, de monitoring van de prestaties van de motoren en het beheer van de elektriciteit. Een zorgvuldige implementatie van deze maatregelen heeft het brandstofverbruik per gevaren zeemijl voor de vloot verlaagd. Dit leidde in 2020 tot een overeenkomstige daling van de uitstoot in de lucht. De relevantie van het brandstofverbruik voor de uitstoot in de lucht verklaart waarom EXMAR zoveel aandacht wijdt aan en in de voorhoede staat van de ontwikkeling van nieuwe scheepsontwerpen voor haar nieuwe midsize vloot. De grafiek toont dat elke nieuwe generatie schepen een significante brandstofbesparing heeft opgeleverd.
Ook met betrekking tot de gebruikte hulpbronnen is een focus op het evoluerende landschap van de regelgeving relevant. EXMAR heeft in lijn met de reglementering systemen voor de behandeling van ballastwater geïnstalleerd en vrijwel alle schepen uitgerust met een systeem dat ook aanvaard is door de US Coast Guard, die zijn eigen criteria en goedkeuringsprocessen hanteert. Naast de procedures voor het beheer van het ballastwater worden veel milieuprocedures toegepast, onder meer voor het beheer van het lenswater in de machinekamer, het beheer van rioolwater en grijs water, het beheer van operationeel en ander afval. In 2020 werd een onderzoek naar de aanwezigheid van wegwerpplastics gestart, met een verbod op het gebruik van plastic eetgerei, zakjes en flessen aan boord van onze vloot. In 2021 zal meer aandacht uitgaan naar het drinkwater aan boord en zullen we het gebruik van herbruikbare waterflessen aanmoedigen. Het verdient een vermelding dat EXMAR zich houdt aan het in India ingevoerde verbod op het gebruik van wegwerpplastic, dat in de loop van 2020 gefaseerd van kracht werd (eerste fase op 1 april 2020, laatste fase op 1 oktober 2020).
In onze vloot werd in 2020 geen enkele lekkage of verlies van vracht gemeld. Er was één ingedamd olielek in de zuiveringsruimte, dat grondig werd onderzocht.
Een ander aandachtspunt was de invoering van een inventaris van gevaarlijke materialen aan boord van onze schepen. Aan de hand van een uitgebreide monsterneming stelde EXMAR een lijst op van alle gevaarlijke materialen aan boord en sensibiliseerde het de bemanningen. Dit verzekert dat de recyclage van een schip veilig kan gebeuren.
We hebben drie SOCIALE DOD van de VN geïdentificeerd die relevant zijn voor de activiteiten van EXMAR: De DOD 3, 4 en 8 zijn van materieel belang voor wat wij doen.
coördinatie tussen de Antwerpse Hogere Zeevaartschool en opleidingscentra in India, Jamaica en de Filipijnen. Een doorlopende theoretische en praktijkopleiding verzekert de veiligheid en de kwaliteit van de diensten die wij onze klanten aanbieden.
> Met de inzet van een beduidend aantal zeevarenden met een hoog retentiecijfer en met deskundig walpersoneel dat innovatieve diensten met toegevoegde waarde levert, draagt EXMAR bij aan DOD 8 .

De ongevallen met werkverlet op de vloot van EXMAR daalden in 2020 met meer dan de helft "
De sociale factor voor de bemanningen op onze schepen was wegens de COVID-19-pandemie belangrijker dan ooit. Aangezien onze werknemers altijd de sleutel zijn geweest tot ons succes, is EXMAR sinds lang een actief lid van Intermanager (International Association of Ship and Crew Managers). EXMAR heeft ook de Neptune Declaration on Seafarer Wellbeing and Crew Change ondertekend (www.globalmaritimeforum.org/neptune-declaration/). Dit is een initiatief van het Global Maritime Forum om de crisis voor de zeevaarders op te lossen door bemanningswissels en repatriëringen mogelijk te maken die tijdens de pandemie erg problematisch waren.
Met actieve welzijnsprogramma's aan boord van onze schepen en een duidelijk gedefinieerde organisatiestructuur willen wij alle werknemers, op elk niveau, een gevoel van samenhorigheid, motivatie en teamgeest geven. Er worden ook veel bezoeken van het topmanagement aan de schepen georganiseerd. De DNV-module Navigator Shore wordt gebruikt om de naleving van de reglementering voor werk- en rusturen te controleren. Door gezonde werkomstandigheden te scheppen, maximaliseren wij de beschikbaarheid van het personeel en houden we de retentiecijfers zo hoog mogelijk.
Gezondheid en veiligheid zijn nauw met elkaar verbonden. In de afgelopen drie jaar hebben wij onze veiligheidsnormen doorlopend verbeterd en zijn we erin geslaagd de vloot veiliger te maken. De ongevallen met werkverlet op de vloot van EXMAR daalden in 2020 met meer dan de helft. Niet alleen het aantal ernstige verwondingen was kleiner maar ook het aantal ongevallen die tot aangepast werk, medische behandeling of eerste hulp leidden, met een Total Recordable Cases Frequency van 1,52. In 2019-2020 werden geen ongevallen met dodelijke afloop genoteerd. EXMAR onderzoekt niet alleen maatregelen voor de preventie van ongevallen met werkverlet maar bestudeert ook de grondoorzaken van ongevallen die tot aangepast werk, medische behandeling of eerste hulp leiden, en van ernstige bijna-ongevallen. Voorbeelden van in 2019-2020 genomen initiatieven: Control of Work, Management of Change, nieuw steigermaterieel, een herziene procedure voor veilig hijsen en werken op hoogte, nieuwe beschermingsmiddelen voor de preventie van oogletsels en een verticaal levenslijnsysteem voor een veilige beklimming van meer dan twee meter hoge dekladders.
Het percentage achterstallige audits bleef laag, rekening houdend met de moeilijke omstandigheden voor de organisatie van audits als gevolg van de pandemie. Door veel tijd uit te trekken voor de planning en het uitvoeren van tussentijdse en speciale inspecties slaagde
| Metrisch/Materialiteit | Inidcator/Meeteenheid | 2020 | 2019 | |
|---|---|---|---|---|
| SOCIAAL | ||||
| GEZONDHEID & VEILIGHEID | Verzuimpercentage hoofdkantoor | Nummer | 1,40% | 2,40% |
| Retentiegraad werknemers | Nummer | 92,69% | 92,25% | |
| Nummer | 90,84% | 94,31% | ||
| Lost Time Injury Frequency (LTIF) | Navigatie (%) | 0,33 | 0,67 | |
| Total Recordable Cases Frequency (TRCF) | Intern (%) | 1,52 | 1,51 | |
| Grote incidenten/ongevallen | Nummer | 1 | 1 | |
| Dodelijke slachtoffers | Nummer | 0 | 0 | |
| Achterstallige audits | Navigational (%) | 3,59% | NA | |
| Internal (%) | 0 | NA | ||
| Voorwaarden van klasse of aanbevelingen | Nummer | 1 | 2 | |
| Havenstaatcontrole | ||||
| Inspecties | Nummer | 41 | 54 | |
| Tekortkomingen | Nummer | 14 | 42 | |
| Aanhoudingen | Nummer | 0 | 2 | |
| Achterstallig onderhoud | % | 4,19% | 3,45% | |
| Port Calls naar landen met score <20 in Transparency Internationale Corruptie Perceptie Index |
Nummer | 0 | 2 | |
| Monetaire verliezen als gevolg van juridische procedures in verband met omkoping en corruptie |
EUR | 0 | 0 | |
| DIVERSITEIT | Personeel | Nummer | 1.625 | 2.416 |
| waarvan zeevarend | Nummer | 1.375 | 2.124 | |
| waarvan aan wal | Nummer | 250 | 292 | |
| Hoofdkantoor (mannen/vrouwen) | % | (87/79) | (101/95) | |
| Vrouwelijk aandeel | % | 48% | 48% | |
| Nationaliteiten (off/onshore) | Nummer | 51 | 53 | |
| KWALITEIT | Privacy en date security | NA | NA |
EXMAR Shipmanagement erin het aantal tekortkomingen en oponthouden van onze schepen na havenstaatcontroles te beperken. Het aantal aanmerkingen tijdens havenstaatcontroles, SIRE en CDI inspecties lag onder het Intertanko sectorgemiddelde van 2,8 aanmerkingen per inspectie.
Daarnaast kon EXMAR door zorgvuldig over chartercontracten te onderhandelen en relevante BIMCO-clausules bij haar sterke en lang bestaande klantenbasis toe te passen, het aantal havenaanlopen in landen met een lage score op de International Corruption Perception Index in grote mate beperken.
EXMAR Shipmanagement is uitgerust met systemen voor veiligheidsbeheer. De onderneming houdt bovendien een aantal ISO-certificeringen, waaronder ISO 9001 (kwaliteit), ISO 14001 (milieuzorg), ISO 50001 (energie-efficiëntie) en ISO 45001 (veiligheid en gezondheid). Het departement HSEQ van EXMAR is doorlopend op zoek naar manieren om de processen te optimaliseren en de veiligheidsprestaties van de onderneming te verbeteren. Het stuurcomité voor de veiligheid vergadert elk kwartaal om de prestaties van de schepen te beoordelen en te bespreken. Daarnaast ontvangen het vloot- en walpersoneel regelmatig veiligheidsbulletins en driemaandelijkse evaluaties van de prestaties. In het kader van ons op het gedrag gebaseerde veiligheidsprogramma 'Taking the safety LEAD' zijn verscheidene nieuwe initiatieven genomen in verband met 'Control of Work' en 'Management of Change'.


Welzijnsprogramma's en actief scheepsmanagement hebben geleid tot sterke gezondheids- en veiligheidsprestaties "
Een op de veiligheid van de offshore gebaseerde verbeterde methode voor risicobeheer, 'Control of Work', werd ontwikkeld en toegepast in een kader voor risicobeheer in drie fasen: Voorbereiding, Uitvoering en Voltooiing. De projectgebaseerde aanpak volgt de cyclus plannen-doen-controleren-handelen. Belangrijke veranderingen hebben betrekking op de volgende elementen:
> Een debriefing na het werk om negatieve of positieve geleerde lessen te trekken.
In 2020 werd deze 'Control of Work' procedure opgenomen in ons systeem voor veiligheidsbeheer en als proefproject aan boord van twee schepen toegepast. De constructieve feedback van onze bemanningen maakte bijkomende verbeteringen van de tools mogelijk. Opleidingsmateriaal voor autonoom leren werd ontwikkeld en specifieke coaches werden opgeleid. De procedure is klaar om in 2021 in heel de vloot te worden uitgerold.
In het licht van de doorlopende veranderingen in de voorwaarden van de scheepvaartmarkt en de flexibiliteit die inherent is aan ons bedrijf, gebruiken we een sturingstool om veranderingen in het werk aan te pakken en te orkestreren. Deze tool, 'Management of Change' is verbeterd voor zowel de scheepsbemanningen als het kantoorpersoneel. Hij levert een gestructureerde sturing en houdt rekening met alle stakeholders, evalueert de risico's en
de gerelateerde voorzorgsmaatregelen, zorgt voor updates van de documentatie en wordt gebruikt als een communicatiemiddel tussen alle betrokken partijen. Sinds zijn implementatie hebben we een toename van de goede beheerde veranderingen en de efficiëntie vastgesteld.
Naast systemen en tools zijn ook het veiligheidsbesef en de communicatie van cruciaal belang. In 2019 gingen we van start met een initiatief met tweemaandelijkse veiligheidscampagnes met posters; de volgende campagnes werden gevoerd:
EXMAR wijdt veel aandacht aan de evenwichtige samenstelling van de teams op de werkvloer en houdt de diversiteit van de genders en de nationaliteiten in gedachte. Na het vertrek van een gedeelte van de LNG-vloot van EXMAR is het zeevarend personeel in aantal verminderd, maar we hebben nog altijd veel verschillende nationaliteiten en culturen op onze schepen. EXMAR zorgt voor een ongeveer gelijke verhouding vrouwen en mannen in de kantoren en heeft dat ook de voorbije jaren consistent gedaan. Om het welzijn in termen van de mobiliteit voor onze bedienden te verbeteren, zijn programma's voor de leasing van (elektrische) fietsen ingevoerd. Op het hoofdkwartier werden fruitmanden ter beschikking gesteld en sportactiviteiten gepromoot en met de steun van het management samen uitgevoerd met het oog op een gezond en evenwichtig leven. De onderneming is van plan dat te herhalen wanneer de in de context van de pandemie door de overheid opgelegde beperkingen opgeheven zijn.
De bevordering van een cultuur van leren en verbetering betekent dat de kwaliteit van de opleiding in complexe taken en diensten van cruciaal belang is. Veel tijd en inspanning gaan naar de opleiding van de officieren – die nu wegens COVID-19 op afstand plaatsvindt – en de verplichte kantooropleiding of specifieke opleiding in energie-efficiëntie. Alle medewerkers krijgen de kans om hun kennis en ervaring te verruimen met cursussen en opleidingen en door deel te nemen aan interne en externe seminars en conferenties.
Er bestaat ook een samenwerking van lange duur met de Antwerpse Hogere Zeevaartschool, het Caribbean Maritime Training Institute (Jamaica) en de Mapua School en het Philcamsat Training Centre (Filipijnen). Zo worden de studenten begeleid bij de keuze van het onderwerp van hun masterthesis, zodat theorie en praktijk zoveel mogelijk op elkaar afgestemd zijn.
Zoals verder wordt uiteengezet in de rubriek 'Governance' zijn de privacy, de datakwaliteit en de cyberveiligheid relevante focusdomeinen voor het IT-departement van EXMAR. In de aanhoudende pandemie is het cruciaal geweest dat mensen vlot kunnen thuiswerken en toegang blijven hebben tot alle data, met de mogelijkheid om gemakkelijk webvergaderingen te organiseren zonder de normen voor de IT-beveiliging, zoals de preventie van cyberaanvallen, af te zwakken. Het IT-departement van EXMAR heeft WEBEX geïmplementeerd als belangrijkste tool voor de communicatie tussen de collega's, voor digitale vergaderingen en chatberichten. Om de gezondheid en het welzijn van alle bedienden van het hoofdkwartier tijdens de pandemie te beschermen, werd een nieuw beleid voor de bedrijfscontinuïteit en telewerken ingevoerd in lijn met de Belgische veiligheidsen gezondheidsregels en de maatregelen en richtlijnen van de Belgische overheid. In deze context hebben een versnelde digitalisatie en een grotere bandbreedte voor onze vloot de connectiviteit tussen het personeel en ook tussen de zeevarenden en hun families verbeterd.
Wat de initiatieven voor maatschappelijk verantwoord ondernemen betreft, is EXMAR een sponsor van de vzw Zachte Kracht, een liefdadigheidsinstelling die in de Koninklijke Yacht Club Nieuwpoort gevestigd is en jongeren met bijzondere behoeften de kans geeft om een zeiltocht van een dag te maken.

Met betrekking tot GOVERNANCE draagt EXMAR bij aan DOD 17 in haar streven naar een maximale aandeelhouderswaarde en bedrijfsresultaten. In heel haar geschiedenis heeft EXMAR altijd partnerships gesloten om een synergie voor haar activiteiten te scheppen. Een voorbeeld daarvan is de LPG Joint Venture met Teekay LNG Partners, waarin de partijen elk 50% van de midsize LPG-vloot delen. Voor het schip EXCALIBUR wordt dezelfde structuur gebruikt.
EXMAR werkt wereldwijd en valt dus onder veel verschillende en complexe regelgevende systemen. Om aan de Corporate Governance 2020 te voldoen die de Belgische overheid in 2009 voor beursgenoteerde multinationals heeft goedgekeurd, heeft EXMAR haar eigen Corporate Governance Charter ingevoerd. Het charter werd op 31 maart 2010 door de Raad van Bestuur goedgekeurd en op 3 december 2020 door de Raad geüpdatet. Meer informatie is te vinden in de rubriek INVESTORS van onze website.
De compliance is nu een belangrijk onderdeel van de algemene strategie en de operaties van het geheel van de organisatie. EXMAR meent dat deze geïntegreerde aanpak bijdraagt tot betere algemene prestaties. Om de naleving van de regels en wetten verder te verbeteren en de risico's op inbreuken en hun nadelige gevolgen voor EXMAR en alle stakeholders te beperken, heeft de Raad van Bestuur beslist een complianceprogramma voor EXMAR te implementeren.
Dit programma werd ontwikkeld in samenwerking met het management en externe adviseurs en is gebaseerd op een internationale standaard, het COSO Framework (Committee of Sponsoring Organizations). Het streeft naar een permanente compliance door middel van procedures en structuren die een doorlopende verbetering moeten verzekeren.
Het complianceprogramma is opgenomen in het Compliance Model, dat de structuren en procedures beschrijft die wij gebruiken om risico's te detecteren en te evalueren, overtredingen te rapporteren en te bestrijden, en de werknemers bewust te maken van het model en hen bijkomende opleiding te leveren. Het Compliance Model vormt letterlijk een allesomvattend Compliance Risk Universe dat alle juridische, regelgevende en bedrijfsrisico's omvat. Onder meer risicobeoordelingscriteria worden toegepast en Key Risk / Compliance Officers zijn aangesteld. De risico's worden ook correct gerapporteerd, zoals getoond in de tabel in de rubriek 'Internationale controle en systemen voor risicobeheer'. Een complianceopleiding bevordert het begrip en het besef van het Compliance Model bij de bedienden en bemanningen. Als aanvulling van de Dealing Code en de Code of Business Ethics (bijlage 3 en 4 van het Corporate Governance Charter) is er een compliancehandleiding die de verschillende beleidslijnen van de onderneming duidelijk uiteenzet en implementeert:
Met betrekking tot het ICT-beleid gaan meer tijd en inspanning naar de cyberveiligheid: IMO 2021 en de vereiste om Maritime Cyber Risk Management in de systemen voor veiligheidsbeheer op te nemen, de blijvende toename van phishing-mails en aanvallen op ICT-systemen verklaren waarom dit zo hoog op de agenda staat. In 2021 zullen verscheidene projecten worden gestart om de IT-veiligheid in de kantoren van EXMAR en aan boord van de vloot van EXMAR te verbeteren (zoals verplichte sessies voor veiligheidsbewustzijn). De IT-systemen van alle schepen zullen volledig worden gereviseerd en een nieuw IT-design zal worden geïmplementeerd. Het concept van de 'drijvende kantoren' zal worden ingevoerd, wat betekent dat de schepen 24/7 geconnecteerd zullen zijn. Om dat doel te bereiken, wordt aan de samenvoeging van de offshore en onshore ICT-systemen en -teams gewerkt.
Wat de rubriek 'Milieu' betreft, zien we in het publieke domein een sterk streven naar de decarbonisatie van de scheepvaart en de verbetering van de bestaande wetgeving. Dit vereist een stipte follow-up, aangezien de richtlijnen van de IMO/EU in de tijd worden herzien. De tabel over 'governance' geeft een indicatief overzicht van het relevante regelgevende kader en legt het verband met de toepassing van dat kader in de normen van onze onderneming. Het veranderende wettelijke kader is cruciaal voor de activiteiten van EXMAR. Niet alleen de juridische afdeling maar ook de operationele, technische en charteringteams van EXMAR zijn hier nauw bij betrokken. De technische en HSEQ-departementen verzekeren dat de relevante regels en reglementen correct worden vertaald naar de diensten voor ship management en de scheepsbouw.
Het dient vermeld dat EXMAR actief deelneemt aan werkgroepen zoals de Belgische Redersvereniging, om input en feedback te leveren voor de IMO/ EU-wetgeving die wordt opgesteld. Naast de aandacht voor de emissieregels is er een toenemende focus op het groener en veiliger maken van de scheepsrecyclage in de EU. De recyclage moet niet alleen aan de EU-reglementering voldoen – die strenger is dan de conventie van Hong Kong (2009), die nog niet in voege is getreden – maar moet ook gebeuren in lijn met de in 2020 geïmplementeerde UN Global Compact Principles. Daarnaast heeft de Commissie op 16 oktober 2020 een mededeling goedgekeurd met richtlijnen voor de versterking van de verplichtingen in verband met de inventaris van gevaarlijke materialen. Dat laatste verklaart
Actief in werkgroepen en voorbereiding voor groene recycling van schepen "
| Metrisch/Materialiteit | Bedrijfsnorm | Internationale referentie | ||
|---|---|---|---|---|
| GOVERNANCE | ||||
| RISICO & REGELGEVING MILIEU |
Compliance | Statuten Corporate Governance Charter Code van Bedrijfsethiek |
Belgische Corporate Governance Code 2020, Belgisch Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen |
|
| Dealing Code | EU Verordening Marktmisbruik | |||
| Nalevingsmodel/manual | Committee of Sponsoring Organizations (COSO) 2013 Framework |
|||
| Veiligheid en gezondheid van werknemers |
HSEQ-beleid | ISM code, Marine Crew Resource management, Modern Slavery Act |
||
| Klimaatverandering | HSEQ-beleid | EU Green Deal (ETS), IPCC and IMO framework |
||
| Luchtemissies | HSEQ-beleid | IMO Marpol Conventions, EU Sulphur Directives, UNCLOS |
||
| ICT | ICT-beleid | IMO cyber risk in SMS | ||
| Intellectuele-eigendombeleid | ||||
| Anti-corruptie | Anti-fraude en klokkenluiderbeleid | UN Global Compact, US Foreign Corrupt Practices, UK Bribery Act |
||
| Anti-witwasbeleid | ||||
| Concurrentie | Anti-trust en mededingingsbeleid | |||
| Metrisch/Materialiteit | Bedrijfsnorm | 2020 | 2019 | |
| SAMENSTELLING BESTUUR | Aantal vergadering Raad van Bestuur | Aantal | 8 | 7 |
| Aantal vergadering Raad van Bestuur | Aantal | 10 | 11 | |
| Aanwezigheden Raad van Bestuur | % | 96% | 100% | |
| Aandeel van ander geslacht | % | 40% | 45% | |
| REMUNERATIE | Auditkosten | 1000 EUR | 425( ) * |
457 |
| Niet-auditkosten | 1000 EUR | 225( ) * |
254 | |
| Vergoeding bestuurders | EUR | 500.055 | 565.600 | |
| Vergoeding Uitvoerend Comité | EUR | 2.473.973 | 2.492.937 | |
| Vergoeding CEO | EUR | 781.112 | 998.341 |
( * ) schatting
de inspanningen die EXMAR levert om voor elk schip een correcte inventaris van de gevaarlijke materialen op te stellen.
EXMAR is ook een actief lid van SIGTTO, dat promotie maakt voor het LPG-transport en de terminaloperaties, en ervaringen en best practices en problemen deelt.
De samenstelling van de Raad en de Comités van EXMAR volgt de voorschriften van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV), de statuten van EXMAR en de Corporate Governance Code (Code 2020). De Raad van Bestuur telt tien leden, een voldoende aantal bestuurders om een goede werking te verzekeren, rekening houdend met de specifieke activiteitsdomeinen van de onderneming. EXMAR streeft naar een gediversifieerde Raad: bestuurders die niet alleen in achtergrond, opleiding, leeftijd of gender verschillen maar ook in hun onafhankelijkheid, ervaring en professionele expertise. Dit schept een waaier van perspectieven, inzichten en kritisch denken die wij als essentieel beschouwen voor een efficiënte besluitvorming en een goed bestuur. Er worden inspanningen gedaan om te verzekeren dat voldoende vergaderingen met een maximale aanwezigheid van de leden plaatsvinden.
Het Remuneratiecomité verzekert dat de bezoldigingen de marktpraktijken volgen en het bezoldigingsbeleid en de voorzieningen en nieuwe bepalingen naleven van de wetgeving die door het Belgisch parlement werd goedgekeurd en gepubliceerd op 26 november 2019 en 6 mei 2020 voor de implementatie van de tweede Richtlijn betreffende de aandeelhoudersrechten (SRDII), het WVV en de Code 2020. Meer informatie is te vinden in het Remuneratieverslag, dat de bezoldiging van de uitvoerend en nietuitvoerend bestuurders van EXMAR beschrijft en uiteenzet hoe de vergoeding van de kaderleden wordt bepaald, rekening houdend met de individuele prestaties en die van de onderneming. EXMAR kiest voor een remuneratie die de leden van de Raad van Bestuur, van het Directiecomité en van het management zal aantrekken, behouden en motiveren, om de belangen van de onderneming op middellange en langere termijn te garanderen en te promoten.


Met betrekking tot de TRANSFORMATIE zijn vooral DOD 7 en 9 voor EXMAR relevant, aangezien ze nauw verband houden met het DNA van de onderneming sinds haar oprichting.

zit in EXMAR's DNA
"
Om de koolstofvoetafdruk te verkleinen en de klimaatverandering aan te pakken, is EXMAR buitengewoon goed geplaatst om haar voordeel te doen met de opportuniteiten van de globale transitie naar een koolstofarme economie. Onder meer de toegenomen vraag naar duurzame infrastructuur versnelt de energietransitie. Ondernemingen die innoveren, kunnen nieuwe markten scheppen en nieuwe kapitaalbronnen aantrekken.
Dit is volledig geworteld in het DNA van wat EXMAR in de afgelopen decennia heeft gedaan, namelijk zoveel mogelijk innoveren. Voorbeelden hiervan zijn de introductie van de overslag tussen schepen, de bouw van de eerste FSRU- en FLNG-platformen en de consistente ontwikkeling van de meest innovatieve MGC-designs. Beduidende middelen en een deel van de investeringsbudgetten zijn aan onderzoek en ontwikkeling toegewezen. Er zullen bijkomende inspanningen worden geleverd om gebruik te maken van overheidssteun en op maat ontworpen ESG-financieringsprogramma's voor groene initiatieven.
De bouw van de nieuwe VLGC's op de scheepswerf Jiangnan vordert goed. Alle tests en proeven hebben tot nu toe bewezen dat de milieuprestaties van de schepen aan de verwachtingen zullen voldoen en de beste in hun klasse zullen zijn voor dit type vaartuig.
De bouw van de hoofdmotor werd in 2020 voltooid en de motoren zijn getest met zowel

diesel als LPG. De test met LPG bestreek het volledige belastingsbereik van de motor, van het laagst mogelijke vermogen van ongeveer 10% tot de volledige 100%. Alle testgegevens en registraties zijn geanalyseerd, waaruit blijkt dat de motoren volgens de ontwerpgegevens presteren, met een lage uitstoot en een lage koolstofvoetafdruk.
Na hun levering zullen de VLGC's buitengewone milieuprestaties neerzetten in vergelijking met andere tankers, vanwege de volgende factoren:
1. Een kleinere koolstofvoetafdruk dankzij:
3. Het vermijden van het gebruik van schade lijke stoffen en de beperking van het risico van andere mogelijke verontreinigende stoffen zoals:
Het aangewezen classificatiebureau en de Belgische Scheepvaartinspectie hebben bevestigd dat de schepen bij hun oplevering compliant zullen zijn met EEDI-3. Ze liggen daarmee ruim voor op de IMO-reglementering, die dit pas eist voor nieuwe gastankers die vanaf 2023 worden besteld (en dus pas na 2025 worden opgeleverd). De naleving van EEDI-3 bevestigt dat de koolstofvoetafdruk van de VLGC's 30% lager zal zijn dan de benchmark 2013 van de IMO.
Wat het sociale aspect betreft, zullen de schepen het Maritiem Arbeidsverdrag volledig naleven. Er zijn bijkomende investeringen gedaan om de verblijfsruimten en hun uitrusting te verbeteren, voor een groter welzijn van de bemanning. De kombuisuitrusting is verbeterd en het kombuis is in samenwerking met een gespecialiseerde coach ontworpen. De schepen krijgen een landschapskantoor dat zal bijdragen tot de sociale interactie. Om dezelfde reden heeft men voor een gemeenschappelijke mess gekozen, in plaats van de gebruikelijke scheiding tussen officieren en bemanning. Voor de rokers is een aparte rookkamer met een gepaste afzuigventilator voorzien. Alle andere delen van de verblijfsruimten zullen rookvrij zijn.
EXMAR heeft momenteel op twee scheepswerven teams die ter plekke toezicht houden: een bij de Jiangnan Shipyard in Shanghai, China, voor de bouw van de twee nieuwe VLGC's, en een bij Hyundai Heavy Industries in Ulsan, Zuid-Korea, voor de bouw van het halfafzinkbare platform King's Quay. Beide teams zijn samengesteld uit internationale expats en lokale supervisors. De aanhoudende pandemie heeft het moeilijk gemaakt om mensen ter plekke te krijgen, ze er te laten verblijven en ook weer op tijd naar huis te brengen. Toch is EXMAR erin geslaagd doorlopend op de twee locaties aanwezig te zijn, dankzij de goede ondersteuning door onze plaatselijke supervisors. Zo was na de volledige lockdown van Jiangnan Shipyard in februari 2020 een in Shanghai gebaseerde supervisor van EXMAR een van de eersten die naar de scheepswerf terugkeerden om het project verder te zetten.
EXMAR verzekert dat alle supervisors in optimale omstandigheden kunnen werken en dat alle relevante HSEQ-richtlijnen worden gevolgd. De vereiste uitrusting, persoonlijke beschermingsmiddelen en kantoorruimte zijn voorzien om de dagelijkse inspecties uit te voeren. EXMAR verzekert contractueel dat de scheepswerf de richtlijnen van het OCIMF voor 'Health, Safety and Environment at New Building shipyards' volgt, als garantie van een veilige werkomgeving voor onze supervisors in de uitdagende context van de zware industrie.
Om de uitstoot van broeikasgassen van de wereldvloot tegen 2050 ten minste te halveren, zoals de IMO wenst, zal een deel van de vloot
Units: Percentage (%)

56
koolstofneutraal moeten worden, als compensatie voor de bestaande tonnage waarvoor een sterke reductie niet altijd haalbaar is. Hier kan ammoniak als brandstof een belangrijke rol spelen. De ammoniakmolecule is een combinatie van waterstof en stikstof en bevat geen koolstof. Bij de verbranding van ammoniak komt dus geen CO2 vrij in de atmosfeer. De uitstoot bestaat voornamelijk uit waterdamp en stikstofgas, dat 78% vormt van de lucht die wij inademen.
In zijn 2050 Maritime Forecast heeft DNVGL 30 decarbonisatiescenario's gemodelleerd, variërend van geen maatregelen – met een toename van de CO2-uitstoot tegen 2050 – tot het meest ambitieuze plan voor een zerokoolstofuitstoot tegen 2040. In 16 van de 24 scenario's met decarbonisatiestimulansen zal ammoniak als brandstof een belangrijke rol spelen (zie scenario's 7 tot 30 in de onderstaande grafiek).Verscheidene andere studies komen tot dezelfde conclusie met betrekking tot ammoniak, wat verklaart waarom EXMAR de vooruitzichten van ammoniak als brandstof grondig bestudeert. Een deel van de MGC-vloot van EXMAR vervoert ammoniak. Deze schepen kunnen het ideale proefmodel zijn voor de integratie van ammoniak als brandstof. Samen met verscheidene partners en leveranciers heeft EXMAR het proces gestart voor het verkrijgen van de principe-goedkeuring van de Classification Society voor een gedetailleerd ontwerp van een systeem met ammoniak als brandstof voor een MGC. Men verwacht deze goedkeuring in het eerste kwartaal van 2021 te ontvangen. Deze principiële goedkeuring werd in maart 2021 door Lloyds Register verleend, zoals uiteengezet in het persbericht van EXMAR van 10 maart 2021.
De Green Deal van de EU geeft de Europese industrie beduidend meer stimulansen om de uitstoot van broeikasgassen te beperken. De verbetering van de efficiëntie van de industriële processen om hun koolstofvoetafdruk te verkleinen, heeft echter haar grenzen. Daarom onderzoeken veel bedrijven mogelijkheden om de CO2-uitstoot uit hun schoorstenen op te vangen om hem op te slaan (CCS) of te hergebruiken (CCU). Het hergebruik van CO2 heeft een potentieel om een circulaire economie tot stand te brengen, maar de technologie is er nog niet klaar voor en de schaal waarop het mogelijk is, blijft beperkt. Een oplossing op relatief korte termijn voor een ingrijpende beperking van de CO2-voetafdruk in lijn met de eisen van de Green Deal is de afvang van CO2 en zijn veilige ondergrondse opslag.
Voorop in de ontwikkeling van schepen op ammoniak, CO2 en waterstof transportoplossingen "

Overzicht van
1
2
De bovenstaande kaart toont 30 locaties waar grote CCUS-projecten worden gepland, haalbaarheidsstudies worden uitgevoerd en in sommige gevallen al definitieve investeringsbeslissingen zijn genomen. Men kan twee conclusies trekken die voor EXMAR relevant zijn:
Omdat de installatie van pijpleidingen in de Noordzee veel tijd zal kosten en erg duur zal zijn, zal men de scheepvaart nodig hebben om een grootschalige CO2-opslag mogelijk te maken. Men verwacht dat tegen 2030 een verschepingscapaciteit voor CO2 van meer dan 10 MTPA nodig zal zijn om CO2 uit Noordwest-Europa naar opslaglocaties in de Noordzee te vervoeren. EXMAR is begonnen met het ontwerp van een CO2-tanker met een capaciteit van ongeveer 35.000 ton voor dergelijke volumes. Een interne studie heeft aangetoond dat het voor de verscheping van volumes van 2-3 MTPA zinnig is om grotere schepen te gebruiken dan de twee schepen van 7.500 ton die nu voor het project Northern Lights worden overwogen. De opschaling van het volume van de CO2-tankers vergroot echter de uitdagingen van de druk van de vracht. In dit opzicht overweegt EXMAR het vervoer van CO2 onder lage druk. Verscheidene ontwerpen van tanks en schepen worden onderzocht om het efficiëntste vaartuig te vinden.
1 3 2
5 1 2 3 4
2
1
6
1
5
3 4 7
2
1
3
1
1
1
1
1 2 3
2
2
1
EXMAR is sinds 2019 lid van de Belgian Hydrogen Import Coalition. Deze coalitie verzamelt de industriële expertise van EXMAR, DEME, ENGIE, Fluxys, Port of Antwerp, Port of Zeebrugge en Waterstofnet voor de studie van de import van hernieuwbare energie door middel van waterstofdragende moleculen.
De analyse bestrijkt alle stappen van de waardeketen, van de productie van hernieuwbare energie, de elektrolyse en synthese in een waterstofdragende molecule, de verscheping, het terminalbeheer en het eindgebruik in België. De productie van hernieuwbare energie kan zeer kostenefficiënt en grootschalig gebeuren in streken met een overvloed aan zon, wind en ruimte, bijvoorbeeld in Chili, de Sahel, het Midden-Oosten en Australië.
EXMAR VERSLAG 2020
58
Grootschalige groene waterstofimport in België is haalbaar "

EXMAR was in de Coalitie verantwoordelijk voor de simulatie van de transportkosten van de verschillende moleculen. Voor vloeibare waterstof is weinig technologie beschikbaar en werd in de studie uitgegaan van een hypothetische tanker met een capaciteit van 160.000 m³ vloeibare waterstof. Voor methaan werd een standaard LNG-tanker van 170.000 m³ gebruikt. Methanol en LOHC worden als olieproducten verscheept, wat zeevervoer in VLCC's veronderstelt. Tot slot werden voor ammoniak de gesimuleerde kosten voor een ULGC (ultra-large gas carrier) van 170.000 m³ gemodelleerd.
Uit de studie bleek dat de grootschalige import van groene waterstof technisch haalbaar en kosteneffectief is. De kosten van de levering in België van geïmporteerde hernieuwbare energie uit goedkope locaties liggen in een bereik van 65-90 €/MWh tegen 2030-2035, met een potentiële bijkomende kostenverlaging naar 55-75 MWh of minder tegen 2050. Aangezien verscheidene op waterstof gebaseerde moleculen mogelijk zijn en veel bronregio's energie tegen competitieve prijzen kunnen leveren, is men zeker van solide en voldoende gediversifieerde geopolitieke en marktdynamieken.
De veelbelovendste op waterstof gebaseerde energiemoleculen – ammoniak, methanol en synthetisch metahaan – worden niet gehinderd door technologische obstakels voor de opschaling en zouden al in bestaande transportlijnen en afzetmarkten kunnen worden toegepast. Een gediversifieerde portfolio van initiële projecten en demonstraties voor al deze moleculen en technologieën zal helpen om ervaring te verwerven en de kostenverschillen verder te beperken. Een snelle realisatie van dergelijke projecten, met een meer gedetailleerde roadmap en een nationale industriële waterstofstrategie wordt aanbevolen.
Met zon en wind geproduceerde hernieuwbare energie zal door middel van grootschalige elektrolyse in waterstof worden omgezet. Waterstof is moeilijk te vervoeren maar door er CO2 aan toe te voegen, kan men ze omzetten in andere moleculen, zoals methaan of methanol. Ze kan ook met de toevoeging van stikstof in 'groene' ammoniak worden omgezet, of opgenomen in een vloeibare organische waterstofdrager (LOHC) zoals dibutylbenzeen.
1 3 2
5 1 2 3 4
2
1
6
1
5
3 4 7
2
1
3
1
1
2
1
1
1
1 2 3
2
2
1
De import van hernieuwbare energie uit wind en zon zal een vitaal onderdeel van onze energiebevoorrading worden indien we tegen 2050 een koolstofneutrale samenleving willen zijn. Deze circulaire en duurzame import van energie zal de lokale hernieuwbare elektriciteitsproductie aanvullen in termen van bevoorradingszekerheid, stabiliteit en flexibiliteit. De marktdynamiek zal beslissen over de optimale balans tussen binnenlandse productie en import.
De geïmporteerde moleculen zullen ook een fundamentele rol spelen in de transitie naar koolstofneutraliteit van veel eindgebruikers, zoals de scheepvaart en de luchtvaart en – gecombineerd met circulaire koolstof – als grondstof voor onze nationale industrieclusters. Waterstof wordt in België al op grote schaal gebruikt als grondstof voor veel industriële processen, maar heeft decarbonisatie nodig. België is ideaal geplaatst om een voorloper te worden in de ontwikkeling van de groene waterstofeconomie, dankzij een goed ontwikkeld netwerk van pijpleidingen naar de buurlanden, zeehavens en terminals, industrieclusters en een sterke klantenbasis.
De businessunit Infrastructure focust op de levering van innovatieve oplossingen met een positieve ESG-impact. Als wereldleverancier van drijvende maritieme infrastructuur voor de energiesector is EXMAR in de LNG-waardeketen actief met de ontwikkeling van economisch leefbare, duurzame oplossingen die aan de hoogste normen voldoen. Door de drijvende infrastructuur voor aardgas te faciliteren, de schoonste fossiele brandstof, steunt EXMAR de decarbonisatie van de energiemarkten, met bijvoorbeeld de overstap van steenkool naar gas.
EXMAR zal in de nabije toekomst bijdragen aan een groenere economie met innovatieve drijvende installaties voor de productie, de verwerking, de opslag en het transport van groene energie. De meerwaarde van EXMAR is gebaseerd op tientallen jaren ervaring met drijvende eenheden en aanmeerdesigns, gesteund door de knowhow van gespecialiseerde engineeringteams. Deze expertise van EXMAR is relevant in de samenwerking met cruciale partners voor de ondersteuning van de ontwikkeling van offshore drijvende wind-, golf- of zonneparken, drijvende productie-eenheden voor groene ammoniak of synthetisch LNG, drijvende CO2-afvang, liquefactieof compressie-eenheden en de levering van hernieuwbare energie aan de eindklanten.
De voorstelling toont de relevante energiewaardeketen waarin EXMAR haar expertise kan bijdragen in het ontwerp van halfafzinkbare rompen voor de ontwikkeling van drijvende eenheden voor de afvang van CO2, de liquefactie en compressie, aanmeerdesigns in moeilijke omgevingen voor drijvende windparken, het ontwerp, de constructie of de conversie van drijvende eenheden voor energieconversie zoals Floating Storage Regasification and Power generation (FSRP). Onze kennis kan ook worden benut in het ontwerp, de bouw, de conversie, de uitbating en het onderhoud van schepen voor het vervoer van groene energie.
CO2 vastleggen
Voor de bestaande infrastructuurassets ligt de focus op de volledige realisatie van de voordelen van onze compact en slimme designs, door de teams verantwoordelijkheid te geven, de operationele procedures te upgraden en de technologische verbeteringen te gebruiken om het onderhoud te optimaliseren.
Zowel de TANGO FLNG als de FSRU S188 zijn zelfvoorzienende platformen, ontworpen om permanent aangemeerd te blijven, met een beperkt gebruik van natuurlijke hulpbronnen. Ze voldoen aan de erkende engineeringnormen van de maritieme en de offshore sector en de best
Innovatie, onze bron van energie "
EXMAR VERSLAG 2020
60

61
practices van de onshore olie- en gasindustrie. Een uitgebreide reeks risicogebaseerde engineeringstudies (zoals HAZID, HAZOP, Fire and Explosion Risk Assessment, Escape and Evacuation Risk Assessment), samen met alle relevante onshore en offshore normen (bv. API, NFPA) vormen de input voor een robuust Health, Safety, Security, Environment and Quality (HSSEQ) design dat zowel de procesveiligheid als de arbeidsveiligheid in aanmerking neemt en gepaard gaat met een goed gestructureerd Integrated Management System (IMS). De voor de werking aan boord gebruikte energie wordt geproduceerd met aardgas in plaats van meer vervuilende diesel.
Bij wijze van referentie bevestigen de resultaten van de inbedrijfstelling en de start van de operaties van de TANGO FLNG in Bahia Blanca (Argentinië) dat het initiële design en het geïntegreerde HSE-managementsysteem voldoen aan normen van wereldklasse, met operationele prestaties die de verwachtingen overtreffen (364.300 m³ LNG werd geproduceerd) en met opmerkelijke HSE-resultaten: geen procesincidenten, geen verlies van insluiting en geen ongevallen met werkverlet.
Tijdens de inbedrijfstelling en de werking waren meer dan 10 nationaliteiten aan boord aanwezig, met een grote investering in de opleiding van het plaatselijke Argentijnse personeel. Er werd een toeleveringsketen ontwikkeld om de doorlopende werking te ondersteunen, waarbij lokale leveringen 85% van de aan boord vereiste diensten en 30% van de verbruiksartikelen en reserveonderdelen dekten.
Hoewel 2020 als gevolg van de pandemie een moeilijk jaar was, waren er geen vermoede of bevestigde gevallen van COVID-19 aan boord, aangezien het platform streng werd geïsoleerd. Hoewel Argentinië het land met de langste lockdown was, werden drie succesvolle bemanningswissels uitgevoerd. Op het vlak van de integriteit van het assets werden veel inspecties op afstand uitgevoerd, met een positief resultaat. Risicogebaseerde programma's voor de uitrusting aan boord, zoals de pijpleidingsystemen, werden gestart en tal van initiatieven voor doorlopende verbetering werden uitgerold.
ANGO FLNG presteerde boven verwachtingenen geen proces incidenten, geen verlies van insluiting en geen Verloren Tijd Letsels "
Als voorbereiding op de volgende inzet van zowel de TANGO FLNG als de FSRU S188 blijven we werken aan specifieke procesen veiligheidsopleidingen van de onshore en offshore teams (zoals Permit to Work, Management of Change, Functional Safety) en aan de ontwikkeling van verscheidene plannen voor procesverbetering (bv. Safety Enclosures). De onderhoudsvoorwaarden werden opnieuw gevalideerd om de integriteit van de uitrusting te verzekeren. De plannigs- en operationele vereisten werden volledig herzien als voorbereiding op een toekomstige opstart, en inspecties op afstand werden uitgevoerd met een nauwe interactie tussen de bemanning aan boord en de teams aan wal.
Zowel de WARIBOKO als de NUNCE hebben lange tijd in Nigeria en Angola gewerkt. De WARIBOKO is na 1,5 jaar mobilisatie in Congo naar Nigeria teruggekeerd, terwijl de NUNCE al bijna 12 jaar doorlopend operationeel is.
In termen van Health, Safety, Security, Environment and Quality (HSSEQ), houdt EXMAR een vrijwillige International Safety Management (ISM) certificering voor de twee platformen, hoewel dat voor eenheden zonder aandrijving niet verplicht is. De vereisten worden gemonitord en verzekerd door middel van een veelomvattende reeks procedures, georganiseerd in (veiligheids)beheersystemen. Deze systemen worden geëvalueerd en gecontroleerd door de Vlaggenstaat, de Klasse en de IOC via de inspectiesystemen van de Offshore Vessel Inspection Database (OVID) van het OCIMF.
Dankzij de operationele walkantoren van EXMAR in Luanda en Port Harcourt kunnen wij een beroep doen op een uitgebreid netwerk van lokale partners en leveranciers in West-Afrika, dat de continuïteit van de offshore werking en de regelmatige uitvoering van de nodige upgrades verzekert om onze klanten en de mensen aan boord de beste voorwaarden aan te bieden. De bemanning leeft de lokale inhoudsvereisten na en wordt doorlopend opgeleid in de uitbating van het platform en de omgang met verscheidene potentiële risicodomeinen. In het licht van de COVID-19-pandemie werden specifieke protocollen ontwikkeld om de risico's te beperken en de hoogst mogelijke gezondheids- en hygiënenormen te verzekeren aan boord van onze platformen, die elk meer dan 200 mensen herbergen.
Ondanks de uitdagingen van COVID-19 in 2020 bleven onze accommodatieplatformen volledig operationeel, dankzij de inzet, de trouw en de toewijding van de bemanningen van EXMAR op zee, de 24/7 ondersteuning door onze teams aan wal en de nauwe samenwerking met onze partners van lange duur.
"
Met de kennis die werd opgedaan met het OPTI ontwerp, de rompexpertise en de bewezen ervaring, is EXMAR goed gepositioneerd om deze knowhow toe te passen op het gebied van offshore indinstallatie en drijvende windplatformen
Naast de huidige operaties werkt EXMAR aanhoudend aan de optimalisatie van haar vloot van accommodatieplatformen, om haar goede reputatie op de West-Afrikaanse markt van de drijvende accommodatie- en werkplatformen verder te consolideren. EXMAR onderzoekt bewust aangemeerde accommodatieplatformen om het brandstofverbruik van dynamisch gepositioneerde eenheden te vermijden.
Ondanks COVID-19, bleven de accommodatieplatformen volledig operationeel dankzij de inspanningen van EXMAR's bemanningen "

In een streven naar de doorlopende verbetering van de maritieme oplossingen die wij ontwikkelen, in bezit hebben en uitbaten, heeft EXMAR Infrastructure engineeringfilialen in Houston en Parijs.
EXMAR Offshore Company (EOC) in Houston legt zich toe op diensten voor engineering, ontwerp en project management. De diensten voor project management omvatten het toezicht op de uitvoering, zoals de supervisie van de constructie van projecten, HSE project management, interface management, inspecties en rapportage. EOC staat bekend om zijn eigen halfafzinkbare rompdesigns van de OPTI-serie. De OPTI is een in de sector toonaangevend design met superieure bewegingsprestaties en een hoge efficiëntie van het structurele staal, zodat het met minder staal beter presteert dan andere oplossingen. Er worden grote inspanningen geleverd om de met dit design verworven kennis, de expertise in rompen en de bewezen ervaring in de uitvoering toe te passen in de installatie van offshore windturbines en drijvende windplatformen.
In dit verband maakte EOC op 26 januari 2021 de ontvangst bekend van een subsidie van het National Offshore Wind Research & Development Consortium voor de studie van de haalbaarheid van een met de Jones Act compliante conversie van een installatieschip voor windturbines. Hiermee bevestigt het Consortium zijn strategie om de ontwikkeling van offshore wind, naast andere energiebronnen, in de volledige toeleveringsketen van de VS te bevorderen. EOC kan in dit project haar tientallen jaren ervaring in de engineering en het ontwerp van innovatieve maritieme oplossingen benutten.
Naast dit werk aan in de VS gebaseerde windprojecten werd in opdracht van een grote oliemaatschappij onderzoek gedaan naar offshore infrastructuurdesigns die minder uitstoten en klaar zijn voor koolstofafvang. Hiervoor werd een taskforce samengesteld om in het volledige ontwerpproces voorrang te geven aan de milieuaspecten. Het is de bedoeling een harmonie te vinden tussen enerzijds de milieuzorg en de milieumissie en anderzijds performante designs en een efficiënt gebruik van staal, als garantie van kosten- en waardegerichte oplossingen.
De pandemie dwong EOC om over te schakelen op telewerk. Dit heeft de prestaties in geen enkel opzicht aangetast. Rekening houdend met het telewerk en de activiteit op de werf in Zuid-Korea aan een -project in uitvoering, werd meer dan 114.000 uur gewerkt zonder ongevallen met werkverlet. In de volledige periode 2019-2020 werden geen ongevallen met fatale afloop en geen (milieu)incidenten genoteerd. Ter vergelijking, in 2019 werd iets meer dan 100.000 uur gewerkt.
De activiteiten van DV Offshore (DVO) in Parijs verlopen in synergie met het werk van EOC in Houston. DVO, dat door Bureau Veritas ISO 9001 werd gecertificeerd, is sinds 1973 een engineering consultant die olie- en gasmaatschappijen diensten voor ontwerp en projectondersteuning levert. Net als EOC verbetert DVO niet alleen bestaande installaties en systemen om hun koolstofvoetafdruk en uitstoot te verbeteren maar werkt het ook aan nieuwe duurzame oplossingen.
Zo helpen de ingenieurs van DVO met het ontwerp van aanmeersystemen voor drijvende offshore windturbines die voor de kust van Fos Sur Mer (Franse Middellandse Zee) zullen worden geïnstalleerd. Dit proefproject in de Middellandse Zee is het eerste volschalige Franse drijvende windpark met drie turbines van 8,4 MW, die in 2022 operationeel zullen zijn.
In een ander proefproject met drie turbines van elk 9,5 MW voor de kust van Groix (Belle Ile) levert DVO bijstand bij het ontwerp van het drijf- en aanmeersysteem, dat rekening moet houden met de moeilijke weers- en oceanografische omstandigheden van de Atlantische Oceaan. DVO werkt ook actief aan verscheidene andere proefprojecten voor drijvende offshore windparken die in Frankrijk worden ontwikkeld.

DVO wint de EVOLEN "WE AWARD". De Award is een eerbetoon aan een kleine onderneming lid van de Franse vereniging EVOLEN die, door middel van concrete acties, vrouwen bevordert in teams



Corporate Governance streeft ernaar verschillende regels en gedragingen te bepalen volgens dewelke vennootschappen naar behoren bestuurd en gecontroleerd kunnen worden, met als doel om de transparantie te vergroten. Het is een systeem van nazicht en evenwicht tussen de aandeelhouders, de Raad van Bestuur, de Chief Executive Officer en het Uitvoerend Comité. Dit hoofdstuk van het financieel verslag 2020 bevat informatie over EXMAR's toepassing van de principes in 2020.
EXMAR VERSLAG 2020
EXMAR NV ("EXMAR" of "de Vennootschap") nam de Belgische Corporate Governance Code van 2020 (de "Code") aan als referentiecode. De Code 2020 is gestructureerd onder 10 principes.
EXMAR's Corporate Governance Charter (het "Charter") werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur van EXMAR (de "Raad van Bestuur") op 3 december 2020.
Het Charter is een samenvatting van de regels en principes waarrond het corporate governance beleid van EXMAR georganiseerd is en is geba seerd op de bepalingen van de gecoördineerde statuten van EXMAR, het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen ("WVV") en de Code 2020.
Het Charter werd aangepast door de Raad van Bestuur om de Code aan te duiden als referentie code zoals bedoeld in artikel 3:6 §2 1° WVV.
Vooraleer het Charter aan te nemen heeft de Raad van Bestuur grondig nagedacht over de governance structuur, duurzame waardecreatie en focus op de lange termijn. EXMAR is zich bewust van het belang van deugdelijk bestuur en is ervan overtuigd dat het naleven van de hoogste normen van deugdelijk bestuur fundamenteel is voor de lange-termijngroei en belangrijk is voor alle stakeholders van de Vennootschap.
De belangrijkste kenmerken van het governance model van EXMAR zijn:
EXMAR streeft ernaar om de meeste bepalingen van de Code 2020 na te leven, maar de Raad van Bestuur is van mening dat bepaalde afwijkingen van bepalingen gerechtvaardigd kunnen zijn in de specifieke situatie van de Vennootschap. Indien van toepassing, wordt in de Corporate Governance Verklaring (de "Verklaring") uitleg verstrekt over de afwijkingen tijdens het afgelopen boekjaar in overeenstemming met het principe 'pas toe of leg uit'.
De Verklaring beschrijft de maatregelen genomen door EXMAR om ervoor te zorgen dat de wetten en regelgeving worden nageleefd. Om de risi co's van inbreuken en de nadelige gevolgen voor EXMAR en alle stakeholders te reduceren werd een compliance programma geïmplementeerd.
Het Charter en de Verklaring van EXMAR kunnen geraadpleegd worden op de website http://exmar. be/nl/investors/corporate-governance .
Het Charter dient samengelezen te worden met EXMAR's statuten, het jaarlijkse financieel rapport (met inbegrip van de Verklaring) en elke andere informatie door EXMAR ter beschikking gesteld.
De Vennootschap werd opgericht bij notariële akte op 20 juni 2003, gepubliceerd in de bijlage tot het Belgisch Staatsblad van 30 juni nadien onder nummer 03072972, en van 4 juli nadien onder nummer 03076338.
De statuten werden meermaals gewijzigd. Nieuwe statuten werden aangenomen om te voldoen aan de bepalingen van het WVV blijkens akte verleden voor notaris Benoit De Cleene te Antwerpen, als vervanger van zijn collega notaris Patrick Van Ooteghem te Temse, op 11 september 2020, gepubliceerd in de bijlage tot het Belgisch Staatsblad van 26 november nadien onder nummer 20139984.
De Gerlachekaai 20, 2000 Antwerpen, België.
BTW BE0860.409.202. RPR Antwerpen – Afdeling Antwerpen.
Het geplaatste kapitaal bedraagt USD 88.811.667, is volledig volgestort en wordt vertegenwoordigd door 59.500.000 aandelen zonder vermelding van nominale waarde. Voor de toepassing van de bepalingen van het WVV is de referentie waarde van het kapitaal vastgesteld op EUR 72.777.924,85.
Tijdens het voorbije boekjaar vonden geen kapitaalswijzigingen plaats die moeten worden gerapporteerd krachtens artikel 7:203 WVV.
Niettegenstaande de bepalingen in artikel 3:42 WVV zijn het kapitaal en de rekeninen uitgedrukt in US dollars. Deze afwijking werd toegestaan door het ministerie van economische zaken en schrijftelijk bevestigd op 2 juli 2003. De redenen voor het vragen van deze afwijking blijven van toepassing.
Overeenkomstig het WVV kan de Raad van Bestuur van de aandeelhouders de bevoegd heid krijgen om, in een periode van vijf jaar, het kapitaal te verhogen tot een welbepaald bedrag en binnen bepaalde grenzen.
Bij beslissing van de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders gehouden op 11 september 2020, werd aan de Raad van Bestuur de bevoegdheid verleend om, binnen de termijn van vijf jaar te rekenen van de datum van de bekendmaking van het besluit, in één of meerdere malen, op de wijze en tegen de voor waarden die de Raad van Bestuur zal bepalen, het kapitaal te verhogen met een maximumbe drag van USD 12.000.000, de referentiewaarde voor toepassing van de bepalingen van het WVV is EUR 7.703.665,66. Het bijzonder verslag van de Raad van Bestuur werd opgesteld conform de bepalingen van artikel 7:199 van het WVV.
De jaarlijkse Algemene Vergadering vindt plaats op de derde dinsdag van de maand mei om 14.30 uur.
De regels voor bijeenroeping, deelname, het verloop van de vergadering, de uitoefening van het stemrecht, wijzigingen van de statuten, benoe mingen van de leden van de Raad van Bestuur en zijn Comités zijn opgenomen in de gecoör dineerde statuten en het Corporate Governance Charter van de Vennootschap, beiden beschik baar op de website van de Vennootschap onder "Investor Relations". (http://exmar.be/nl/investors/ reports-and-downloads/articles-association)
Op 11 september 2020 heeft de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders de Raad van Bestuur van EXMAR gemachtigd om eigen aandelen in te kopen binnen welbepaalde koersvorken en dit gedurende een periode van vijf jaar.
Het aantal eigen aandelen in portefeuille per 31 december 2020 bedroeg 3,82%, of 2.273.263 aandelen.
Aandelenverdeling per 31 december 2020: SAVEREX: 43,79% EXMAR: 3,82% Cobas Asset Management S.G.I.I.C. SA: 5,002% FREEFLOAT: 47, 388%
Het EXMAR-aandeel is genoteerd op Euronext Brussel en maakt deel uit van de Bel Small index (Euronext: EXM).
In de loop van 2020 en tot aan de datum van dit verslag ontving EXMAR geen kennisgevingen in het kader van de transparantiewet van 2 mei 2007.
De laatste kennisgevingen die door de Vennootschap ontvangen werden en aan de FSMA gemeld werden, zijn de volgende:
Overeenkomstig artikel 74§6 van de wet op de openbare overnamebiedingen van 1 april 2007 heeft SAVEREX NV op 15 oktober 2007 (geac tualiseerd op 28 augustus 2020) aan de FSMA gemeld dat het meer dan 30% van de effecten met stemrecht bezit in EXMAR NV, een genoteerde vennootschap.
De wettelijke informatie werd bekendgemaakt op de website (www.exmar.be).
De Vennootschap heeft geen kennis van afspraken gemaakt tussen aandeelhouders. Er zijn geen statutaire beperkingen voor de over -
dracht van aandelen.
De Buitengewone Algemene Vergadering keurde op 11 september 2020 gewijzigde statuten van de Vennootschap goed om te voldoen aan het WVV. Een monistische structuur werd aangenomen.
De Raad van Bestuur bestaat momenteel uit 10 leden: dit is een voldoende aantal bestuurders om een goede werking toe te laten, rekening houdend met de specificiteit van de Vennootschap.
Functies en ambtstermijnen van de leden van de Raad van Bestuur per 31 december 2020:
| Naam – Functie | Aantal bijgewoonde vergaderingen |
Begin mandaat | Laatste hernieuwing |
Einde mandaat |
|---|---|---|---|---|
| GOVERNANCE | ||||
| NICOLAS SAVERYS > Uitvoerend bestuurder > Executive Chairman (sinds 14 april 2020, in de plaats van Baron Philippe Bodson) |
7/8 | 20 juni 2003 | 15 mei 2018 | 2021 |
| FRANCIS MOTTRIE > Uitvoerend bestuurder > CEO (sinds 14 april 2020 in de plaats van Nicolas Saverys) |
5/5 | 11 september 2020 (bevestiging van coöptatie op 14 april 2020) |
2022 | |
| MICHEL DELBAERE > Onafhankelijk bestuurder > Lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité |
8/8 | 17 mei 2016 | 21 mei 2019 | 2022 |
| JALCOS NV vertegenwoordigd door Ludwig CRIEL > Niet-uitvoerend bestuurder > Voorzitter van het Audit- en Risicocomité > Voorzitter van het Benoemings- en Remuneratiecomité |
8/8 | 16 mei 2017 | 19 mei 2020 | 2023 |
| ARIANE SAVERYS > Niet-uitvoerend bestuurder |
8/8 | 15 mei 2012 | 15 mei 2018 | 2021 |
| PAULINE SAVERYS > Niet-uitvoerend bestuurder |
7/8 | 15 mei 2012 | 15 mei 2018 | 2021 |
| BARON PHILIPPE VLERICK > Niet-uitvoerend bestuurder > Lid van het Audit- en Risico comité |
8/8 | 20 juni 2003 | 19 mei 2020 | 2023 |
| BARBARA SAVERYS > Niet-uitvoerend bestuurder |
8/8 | 19 mei 2015 | 15 mei 2018 | 2021 |
| ISABELLE VLEURINCK > Onafhankelijk bestuurder > Lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité > Lid van het Audit- en Risico comité |
8/8 | 21 mei 2019 | 2022 | |
| WOUTER DE GEEST > Onafhankelijk bestuurder > Lid van het Audit- en Risicocomité (in de plaats van Baron Philippe Bodson) |
7/7 | 19 mei 2020 (confirmation of co-optation on 29 January 2020) |
2022 | |
| BARON PHILIPPE BODSON (+ 04.04.2020) > Niet-uitvoerend bestuurder > Voorzitter van de Raad van Bestuur > Lid van het Auditcomité > Voorzitter van het Benoemings- en Remuneratiecomité |
1/2 | 20 juni 2003 | 15 mei 2018 |
De Raad van Bestuur is het ultieme besluit vormende orgaan van de Vennootschap. De bevoegdheden en de werking van de Raad van Bestuur worden in extenso beschreven in het Charter. De Raad van Bestuur heeft alle bevoegd heden met uitzondering van deze die door het WVV of de gecoördineerde statuten voorbe houden zijn aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders.
De Raad van Bestuur streeft het succes van de Vennootschap op lange termijn na, voorziet hiervoor in het nodige leiderschap en zorgt ervoor dat risico's geïdentificeerd en beheerd kunnen worden. De Raad van Bestuur is verantwoorde lijk voor de algemene strategie en waarden van EXMAR, gebaseerd op de sociale, economische en ecologische verantwoordelijkheid, gender diversiteit en diversiteit in het algemeen. Aan de bestuurders wordt tijdig een dossier bezorgd met alle informatie voor de beraadslaging over de agendapunten. De beslissingen in de Raad van Bestuur worden genomen in overeenstemming met artikel 22 van de statuten.
In 2020 hield de Raad van Bestuur acht verga deringen; de eerste vergadering van 2020 werd voorgezeten door de heer Bodson, die overleed op 4 april 2020. De vergadering van 14 april 2020 werd voorgezeten door de heer Saverys. Vanaf de datum van benoeming van de heer Saverys op 14 april 2020, vonden de verga deringen plaats onder zijn voorzitterschap, met uitzondering van de vergadering van 11 september 2020 die voorgezeten werd door JALCOS NV vertegenwoordigd door Ludwig Criel.
Naast de uitoefening van de bevoegdheden voor zien door de wet, de statuten en het Charter, behandelt de Raad van Bestuur de opvolging en beslissingen rond de lange termijn strategie, belangrijke beleidslijnen en de structuur van de Vennootschap en afsluiting van de jaarekeningen van de Groep. Andere onderwerpen waren:
Op 14 april 2020, als gevolg van het plotse heengaan van voorzitter Philippe Bodson op 4 april 2020, benoemde de Raad van Bestuur Nicolas Saverys als Executive Chairman en Francis Mottrie als nieuwe CEO van de Vennootschap, in de plaats van Nicolas Saverys. Tot dat ogenblik was Nicolas Saverys de CEO geweest van de Vennootschap en daarom, krachtens bepaling 5.8 van de Code 2020, hield de Raad van Bestuur een lange bespreking om de positieve en negatieve implicaties van een dergelijke beslissing tegen
elkaar af te wegen en om te bepalen waarom een dergelijke aanstelling de vereiste autonomie van de CEO niet zou hinderen. De Raad van Bestuur besloot dat er een duidelijk onderscheid is tussen de rollen en verantwoordelijkheden van de heren Saverys en Mottrie. De heer Saverys maakt niet langer deel uit van het Uitvoerend Comité en woont enkel vergaderingen van het Uitvoerend Comité bij op uitnodiging, met betrekking tot bepaalde strategische en/of commerciële onderwerpen. De CEO rapporteert naar de Raad van Bestuur en is verantwoordelijk voor het dagelijks bestuur en het leiden van de Vennootschap, met de steun van de andere leden van het Uitvoerend Comité. De Executive Chairman heeft een strategische, adviserende rol en stelt zijn netwerk en ervaring ter beschikking van de CEO en de leden van het Uitvoerend Comité in commerciële negotiaties. De respectievelijke rollen en verantwoordelijkheden van elke functie werden in extenso uiteengezet in het Charter van de Vennootschap. Om deze redenen heeft de Raad van Bestuur geconcludeerd dat de benoeming van de heer Saverys als Executive Chairman de autonomie van de CEO niet zal hinderen.
De Code 2020 bepaalt dat de Raad van Bestuur een Auditcomité opricht in overeenstemming met het WVV. Gelet op zijn rol in risico-aangelegen heden, kan dit comité ook "Audit- en Risicocomité" genoemd worden. De Raad van Bestuur besliste in 2020 om het Auditcomité en het Risicocomité in één Audit- en Risicocomité samen te brengen.
In overeenstemming met de bepalingen van principe 4 van de Code 2020 bestaat een Auditcomité uit tenminste drie bestuurders. EXMAR's Audit- en Risicocomité heeft vier leden, van wie er twee onafhankelijke bestuurders zijn. De heer De Geest werd benoemd op 19 mei 2020, in de plaats van Baron Philippe Bodson.
De Raad van Bestuur heeft aan het Audit- en Risicocomité, binnen zijn domein, de ruimste onderzoeksbevoegdheden toegekend.
Het Audit- en Risicocomité verleent bijstand aan de Raad van Bestuur met betrekking tot zijn toezicht verantwoordelijkheden en controle in de meest ruime zin. Het is het belangrijkste contactpunt voor zowel de Interne Auditor als de Commissaris. Omwille van hun diploma, hun loopbaan in verschillende multinationale groepen en hun huidige professionele werkzaamheden beschikken alle leden van het Audit- en Risicocomité over de vereiste expertise inzake accounting en auditing en zijn zij vertrouwd met financiële verslaggeving, boekhoudstandaarden en risico's.
Met het oog op de inwerkingtreding van de EU General Data Protection Regulation 2016/79 (GDPR) op 25 mei 2018, werd een Data Protection Comité (DPC) opgericht.
Het DPC rapporteert aan het Audit- en Risicocomité.
De specifieke verantwoordelijkheden van het Audit- en Risicocomité zijn uiteengezet in een Audit Charter dat werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 31 maart 2011 en laatst gewijzigd op 19 maart 2021.
In 2020 werden vier vergaderingen gehouden, waarop telkens alle leden aanwezig waren, met uitzondering van Baron Philippe Bodson die verontschuldigd was voor de vergadering in maart.
De Commissaris woonde drie vergaderingen bij en de Interne Auditor was aanwezig tijdens twee vergaderingen.
Het Audit- en Risicocomité boog zich over speci fieke financiële aangelegenheden die gedurende het jaar aan de orde kwamen en gaf advies aan de Raad van Bestuur; verdere agendapunten waren:
Het Benoemings- en Remuneratiecomité is samen gesteld conform artikel 7:100 WVV:
Het Benoemings- en Remuneratiecomité was op 31 december 2020 samengesteld uit drie leden en rapporteert aan de Raad van Bestuur. Op 19 mei 2020 werd JALCOS NV, vertegenwoordigd door Ludwig Criel, benoemd tot lid en voorzitter van het comité, in de plaats van Baron Philippe Bodson.
Het Comité heeft een evenwichtige samenstelling en heeft de vereiste onafhankelijkheid, deskun digheid, kennis en ervaring om zijn taken efficiënt uit te voeren.
Het Comité staat de Raad van Bestuur bij in de uitoefening van zijn verantwoordelijkheden inzake het bepalen van het remuneratiebeleid van de Vennootschap en de benoemingsprocedures.
De specifieke verantwoordelijkheden werden uiteengezet in een Benoemings- en Remuneratie comité Charter, dat werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 29 november 2011 en van tijd tot tijd werd aangepast. De Raad van Bestuur keurde eveneens de procedure voor de benoeming en herbenoeming van bestuurders en leden van het Uitvoerend Comité goed.
Tijdens het afgelopen jaar is het Benoemingsen Remuneratiecomité driemaal samengekomen; alle leden waren aanwezig op elke vergadering.
Met betrekking tot remuneratie werden volgende onderwerpen behandeld:
Met betrekking tot benoemingen werden de volgende onderwerpen behandeld:
> Samenstelling van de Raad van Bestuur
Als gevolg van de benoeming van Nicolas Saverys, tot dan CEO, als Executive Chairman van EXMAR op 14 april 2020, in de plaats van Baron Philippe Bodson die overleed op 4 april 2020, werd Francis Mottrie, tot dan deputy-CEO, aangesteld als CEO van EXMAR.
Als gevolg van het ontslag van Miguel de Potter, tot dan CFO, werd Patrick De Brabandere, tot dan COO, door de Raad van Bestuur benoemd tot CFO, met ingang van 1 februari 2020.
De leden van het Uitvoerend Comité per 31 december 2020 zijn:
FRANCIS MOTTRIE > Uitvoerend bestuurder
> Chief Executive Officer (CEO)
PATRICK DE BRABANDERE > Chief Financial Officer (CFO)
JENS ISMAR > Executive Director Shipping
JONATHAN RAES
> Executive Director Infrastructure
De Raad van Bestuur richtte op 20 juni 2003 binnen de Raad van Bestuur een Directiecomité op, in overeenstemming met oud artikel 524bis van het Wetboek van Vennootschappen, en delegeerde zijn bestuursbevoegdheden aan dit Comité. Sinds de goedkeuring door de Raad van Bestuur van de aan het WVV aangepaste statuten op 11 september 2020, werd dit Directiecomité afgeschaft en vervangen door een Uitvoerend Comité. Krachtens artikel 20 van de statuten heeft de Raad van Bestuur op 3 december 2020 bepaalde machten aan het Uitvoerend Comité toevertrouwd. In brede zin is het Uitvoerend Comité verantwoordelijk voor het dagelijks bestuur en beleid van EXMAR en de EXMAR Groep, de uitvoering van de door de Raad van Bestuur genomen beslissingen alsook de specifieke taken die door de Raad van Bestuur aan hem worden gedelegeerd, zoals uiteengezet in het Charter in in het Charter van het Uitvoerend Comité.
Het Uitvoerend Comité komt op regelmatige basis samen. De CEO zit het Uitvoerend Comité voor.

Overeenkomstig de bepalingen Code 2020 en het WVV zorgt EXMAR ervoor dat elke werknemer geselecteerd wordt op basis van, onder andere, competenties, talenten en vaardigheden. In het algemeen wordt aangenomen dat de diversiteit van werknemers (inbegrepen hun leeftijd, gender, culturele achtergrond en professionele ervaring) toegevoegde waarde uitmaakt voor een internationaal bedrijf.
Ook EXMAR's Raad van Bestuur weerspiegelt diversiteit in zijn samenstelling: bestuurders verschillen niet alleen in termen van hun achtergrond, opleiding, leeftijd en gender, maar ook in hun onafhankelijkheid, ervaring en professionele expertise.
Zulke diversiteit zorgt voor een waaier aan perspectieven, inzichten en kritisch denken die essentieel zijn om efficiënte besluitvorming en deugdelijk bestuur mogelijk te maken.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité beoor deelt de samenstelling van de Raad van Bestuur en adviseert de Raad van Bestuur in verband met de benoeming van nieuwe bestuurders en de vernieuwing van bestaande mandaten. Het Benoemings- en Remuneratiecomité weegt kandi daten af op het vlak van verdiensten, zonder daarbij de noodzaak tot diversiteit, met inbegrip van criteria zoals achtergrond, opleiding, leeftijd, gender, onafhankelijkheid, professionele vaardig heden, professionel en persoonlijke ervaring, uit het oog te verliezen.
De diversiteit van het personeel van EXMAR aan wal is weergegeven in #01 Panorama 2020.
De Raad van Bestuur telt op dit moment vier vrouwelijke bestuurders op een totaal van 10 bestuurders, wat in overeenstemming is met de regelgeving aangaande genderdiversiteit.
De diversiteit van het EXMAR-personeel aan wal komt tot uiting in #01 Panorama 2020.
Voor een efficiënte werking is het noodzakelijk voor de Raad van Bestuur om een transparante werking te hebben zodat hij zijn prestaties kan meten en beoordelen met het oog op eventuele vernieuwing en verbetering.
De Code 2020 en het Charter voorzien in deze vereiste door op regelmatige wijze de leden van de Raad van Bestuur een evaluatie te laten doorlopen.
De Raad van Bestuur van EXMAR, onder leiding van zijn Voorzitter, heeft in 2011 een evalutatieproces in voege gebracht die van tijd tot tijd werd herhaald. Een nieuw evaluatieproces wordt geïmplementeerd in 2021.
Het voornaamste doel van de evaluatie is de verbetering van de toegevoegde waarde van de Raad van Bestuur. Het moet de waarden van de Vennootschap versterken, de efficiëntie verhogen en ook mogelijks bijdragen in het opsporen van en proactief omgaan met mogelijke problemen.
Na de evaluatie, kan de feedback van de leden van de Raad van Bestuur resulteren in het verfijnen van de werking van de Raad van Bestuur en de Comités waar nodig.
Bij besluit van de gewone Algemene Vergadering van 19 mei 2020, werd Deloitte Belgium, ver tegenwoordigd door de heren Rik Neckebroeck en Ben Vandeweyer, voor een termijn van drie jaar herbenoemd tot Commissaris van de Vennootschap.
De Commissaris voert de de externe audit uit op de geconsolideerde en de enkelvoudige cijfers van EXMAR. In zijn vergadering van 1 september 2017 stelde het Audit- en Risicocomité (toen nog het Auditcomité) aan de Raad van Bestuur voor om, en ging de Raad van Bestuur akkoord met, niet langer de halfjaarlijkse resultaten te beoordelen, in lijn met het beleid van andere genoteerde bedrijven. De Commissaris werd

voor uitwisseling van ervaringen, kennis en best practices.
EXMAR gelooft in de verdiensten van corporate governance en wil zijn corporate governancestructuur graag verder ontwikkelen.
Een aantal bestuurders namen deel aan een opleidingsprogramma dat focuste op vaardigheden en kennis die leden van een Raad van Bestuur moeten hebben om hun mandaat efficïent uit te voeren.
Guberna organiseert een brede waaier aan activiteiten met verschillende onderwerpen in verband met deugdelijk bestuur. Het management en het personeel schatten hun deelname in deze activiteiten naar waarde.
7. Regels en procedures
Elk lid van de Raad van Bestuur en van het Uitvoerend Comité wordt aangemoedigd om zijn mandaat zo efficiënt mogelijk te regelen en persoonlijke en zakelijke belangen zo te regelen dat er geen rechtstreeks of onrechtstreeks belangenconflict is met de Vennootschap.
Eventuele transacties tussen EXMAR of een met EXMAR verbonden vennootschap en een lid van de Raad van Bestuur of het Uitvoerend Comité zullen steeds tegen de gebruikelijke marktvoorwaarden plaatsvinden. Hetzelfde geldt voor verrichtingen tussen de Vennootschap of een met haar verbonden vennootschap en een persoon nauw verwant met een lid van de Raad van Bestuur of het Uitvoerend Comité.
In geval van belangenconflict worden de bepalingen van het WVV toegepast.
EXMAR heeft geen kennis van mogelijke belangenconflicten bij de leden van de Raad van Bestuur en van het Uitvoerend Comité in de zin van artikel 7:96, behoudens deze die eventueel zouden beschreven zijn in het jaarverslag van de Raad van Bestuur.
Momenteel verlenen SAVERBEL NV en SAVEREX NV, vennootschappen gecontroleerd door Nicolas Saverys, diensten aan de EXMAR Groep. Deze diensten worden uitgevoerd en gefactureerd aan marktconforme voorwaarden.
EXMAR verleent geen bijdragen, doet geen betalingen en verleent op geen enkele manier ondersteuning, noch direct noch indirect, aan politieke partijen of commissies of aan individuele politici. Medewerkers mogen geen politieke bijdrage leveren namens EXMAR of via gebruikmaking van bedrijfsfondsen of –middelen.
echter verzocht om de geactualiseerde versie van de verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële staten te lezen om zich ervan te verzekeren dat deze in overeenstemming zijn met de aanpassingen die door het Audit- en Risicocomité voorgesteld worden.
EY werd aangesteld om de Vennootschap bij te staan in de uitoefening van haar interne controlewerkzaamheden. De Interne Auditor werd herbenoemd voor een nieuwe periode van drie jaar, eindigend op de vergadering van het Audit- en Risicocomité van maart 2022.
Mathieu Verly is Secretaris van de Raad van Bestuur, benoemd sedert 1 juli 2015.
De Secretaris ziet erop toe dat de procedures van de Raad van Bestuur worden gevolgd en dat de Raad van Bestuur handelt in overeenstemming met zijn wettelijke en statutaire verplichtingen. Hij adviseert de Raad in alle bestuursaangele genheden en staat de Voorzitter van de Raad bij in het vervullen van bovenvermelde taken en biedt hem logistieke ondersteuning voor de orga nisatie van de Raad (informatie, agenda enz.).
Patrick De Brabandere, benoemd tot Compliance Officer door de Raad van Bestuur op 25 maart 2015 met ingang vanaf 1 juli 2015.
De Compliance Officer is verantwoordelijk voor het invoeren van en het toezicht op de naleving van de Dealing Code en de taken beschreven in het Compliance Model.
De compliance policies bevestigen EXMAR's engagement om toepasselijke wetten en regelgeving te respecteren.
EXMAR werd een institutioneel lid van Guberna, een kenniscentrum dat corporate governance promoot in al zijn vormen dat een platform biedt
| Beschrijving van het risico | Potentiele impact | Beperkende factoren en controle | ||
|---|---|---|---|---|
| MARKTRISICO'S | ||||
| Zowel de gas- en oliemarkt in zijn geheel, als de wereldwijde markt van het gastransport zijn cyclisch. |
Een algemene dip in de olie- en gasmarkt zou een impact kunnen hebben op de tarieven voor gastransport, wat onze inkomsten en kasstromen zou kunnen beïnvloeden, evenals de waarde van onze vloot. |
Een gediversifieerde klantenportefeuille en een goede indekking met een combinatie van contracten op lange en korte termijn. De waarde van onze vloot wordt continu bewaakt en beoordeeld op basis van interne en externe informatie. |
||
| Een lagere vraag naar gastransporteurs, FSRU's en ander drijvend materieel zoals onze LNG-infrastructuur. |
Een lagere vraag zou een invloed hebben op de transporttarieven en het aantal dagen dat onze vloot niet in gebruik is. Dit zou voelbaar zijn in onze inkomsten en kasstromen en in de waarde van onze vloot en onze financiële positie. |
Een aanzienlijk deel van onze vloot is ingedekt door contracten op lange termijn. Geografische diversificatie en een kwaliteitsvolle klantenportefeuille en netwerk door integratie in de markten dankzij jarenlange ervaring. We zijn een flexibele rederij die streeft naar structurele kwaliteit en duurzaamheid voor haar klanten. |
||
| POLITIEKE SITUATIE IN HET BUITENLAND | ||||
| Verslechtering van de economische, wettelijke en politieke situatie in landen, waaronder politieke, burgerlijke en militaire conflicten. Dergelijke evoluties kunnen leiden tot aanvallen op schepen, verstoring van waterwegen, piraterij, terrorisme en andere activiteiten. |
Wijzigingen in de economische, wettelijke en politieke situatie kunnen de handelspatronen van LPG en LNG beïnvloeden, evenals onze vloot, onze resultaten en onze financieringsmogelijkheden. Instabiliteit zou kunnen leiden tot een kleinere vraag naar onze diensten. We zouden ook blootgesteld kunnen worden aan hogere, bijkomende of onverwachte kosten om te voldoen aan veranderde wet- en regelgeving en er zouden gevolgen kunnen zijn voor onze verzekeringskosten of -contracten. |
Een continue bewaking en beoordeling van de economische, politieke en wettelijke situatie om elke mogelijke impact te voorzien, te beperken of te vermijden. Informatie inwinnen bij autoriteiten en/of brancheorganisaties en bij gespecialiseerde consultants. Onze verzekeringspolis wordt regelmatig geactualiseerd en omvat onder andere bescherming en schadeloosstelling, casco en machines en inkomstenderving volgens de verzekerde waarden, die voldoende geacht worden om de voorziene verliezen te dekken. |
||
| CONCURRENTIE | ||||
| Concurrenten die investeren in LPG schepen, FSRU's of ander drijvend materieel via samenvoeging, aankoop van tweedehandsuitrusting of nieuwbouw |
Er is heel veel concurrentie bij het verkrijgen van contracten. Een grotere concurrentie kan leiden tot een grotere prijsconcurrentie voor contracten en kan de prijs van schepen en ander drijvend materieel beïnvloeden. Dit kan een wezenlijke impact hebben op onze resultaten en kasstromen en op de waarde van onze vloot. |
Definiëren van een strategie met een langetermijnvisie en voortdurend rekening houdend met de bestaande trends in de sector. De ervaring van ons managementteam en onze Raad van Bestuur. Investeren in een groot aantal factoren, zoals de kwaliteit van onze activiteiten, technische bekwaamheden en reputatie, de kwaliteit en ervaring van onze bemanning en de relaties binnen de sector. |
| Beschrijving van het risico | Potentiele impact | Beperkende factoren en controle | |
|---|---|---|---|
| RISICO'S VERBONDEN AAN DE EXPLOITATIVE VAN SCHEPEN EN ANDER DRIJVEND MATERIEEL | |||
| Milieu-ongevallen, werkonderbrekingen veroorzaakt door een mechanisch defect, menselijke fout, oorlog, terrorisme, politieke acties in verschillende landen, stakingen of slechte weersomstandigheden. Schepen die niet voldoen aan bepaalde prestatienormen. |
Dit zou onze reputatie als betrouwbare rederij schade toebrengen en leiden tot hogere kosten en een hoger aantal dagen dat het schip niet in gebruik is. De kosten van dringende herstellingen zijn onvoorspelbaar en kunnen zeer hoog oplopen. Wanneer niet voldaan wordt aan de prestatienormen kan de bevrachter weigeren een deel van de huursom te betalen. |
Onze ervaring in de sector en ons beleid en procedures, bijv. voor onderhoud en opleiding, moeten bepaalde risico's die inherent zijn aan onze activiteiten beperken of vermijden. Al onze schepen en uitrusting zijn gedekt door een gepaste verzekering. |
| Beschrijving van het risico | Potentiele impact | Beperkende factoren en controle | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| HOGERE BEDRIJFSKOSTEN | |||||||
| Bedrijfskosten en onderhoudskosten kunnen sterk variëren.w |
De bedrijfskosten en droogdokkosten zijn afhankelijk van een groot aantal factoren buiten onze controle waaraan de hele scheepvaartsector onderhevig is. Schepen die zich in het droogdok bevinden, kunnen ook leiden tot een verlies aan inkomsten. |
Proactief intern scheepsmanagement en een constante interne en externe controle van onze uitrusting. Ons onderhoudsbeleid wordt dagelijks geactualiseerd en verbeterd om het hoogste kwaliteitsniveau te garanderen. Onder sommige commerciële overeenkomsten worden de operationele kosten betaald onder een doorvoerbasis door de charterer. |
|||||
| OUDERDOM VAN DE VLOOT | |||||||
| Naarmate een schip ouder wordt, worden de vereisten strenger, waardoor het schip moeilijker kan concurreren met moderne schepen en het gebruik ervan duurder wordt. |
We moeten grote kosten maken om de operationele capaciteit van onze vloot op peil te houden. Deze kosten kunnen sterk variëren en hoger zijn door bepaalde vereisten van klanten, normen en regelgeving betreffende concurrentie, of normen voor bedrijven. |
De gemiddelde leeftijd van onze vloot wordt gecontroleerd en onze strategie omvat regelmatige investeringen in nieuwe schepen om onze vloot concurrerend te houden. Ons intern scheepsmanagement- en commercieel team heeft vele jaren ervaring met het beoordelen van operationele en commerciële prestaties. Al onze schepen zijn gecertificeerd als "in klasse" door een classificatiemaatschappij, wat ook een vereiste is voor dekking door de verzekering. Onze schepen worden dagelijks geïnspecteerd, ofwel op zee ofwel in de haven. Op basis van deze inspecties wordt het permanent onderhoudsplan van elk schip gecreëerd, geactualiseerd en geïmplementeerd. |
|||||
| ACTIVA IN AANBOUW | |||||||
| Specifieke risico's zijn van toepassing op onze activa in aanbouw, o.a. de solventie van onze aannemer en de levering van het actief in overeenstemming met alle specificaties en met alle vereiste toelatingen. |
Wanneer de scheepswerf onze activa in aanbouw niet bouwt of levert, of in geval van het faillissement van de scheepswerf, heeft dit een aanzienlijke impact op onze financiële positie en onze resultaten. Indien de scheepswerf het contract niet uitvoert en wij niet in staat zijn de terugbetalingsgarantie af te dwingen, kunnen wij het geheel of een gedeelte van onze investering verliezen. Bovendien zouden wij onze verplichtingen tegenover de bevrachter niet kunnen nakomen. |
Er worden voorschotten betaald aan de scheepswerven en deze voorschotten worden gedekt door een terugbetalingsgarantie. De voortgang van de bouw en het voldoen aan alle technische en wettelijke specificaties worden nauwlettend opgevolgd door onze technische teams op de scheepswerven. |
|||||
| GEBRUIK | |||||||
| Schepen of ander drijvend materieel worden niet ingezet gedurende langere periodes of contracten worden niet hernieuwd of worden voortijdig beëindigd. |
Indien we er niet in slagen rendabele contracten op lange termijn aan te gaan voor onze bestaande vloot of onze drijvende activa in aanbouw, dan kan dit een aanzienlijke impact hebben op onze resultaten en kasstromen. We zouden afhankelijk zijn van een kortetermijn- of spotmarkt of van contracten gebaseerd op veranderende marktprijzen. Bovendien zou het moeilijker kunnen zijn om financiering te vinden voor dergelijke activa tegen redelijke voorwaarden. |
Ons management- en commercieel team hebben vele jaren ervaring en hebben een uitgebreid netwerk in de markt. Onze contractenportefeuille is sterk gediversifieerd. De commerciële strategie bestaat erin om flexibel te blijven in de markt door een goed evenwicht te bewaren tussen contracten op lange en op korte termijn. |
|||||
| REGELGEVING | |||||||
| Een nieuwe regelgeving zou van kracht kunnen worden. Er kunnen ook wijzigingen in de milieuwetgeving doorgevoerd worden door overheden of andere autoriteiten. |
Wijzigingen in het regelgevend kader kunnen eveneens een invloed hebben op onze mogelijkheden om contracten te bekomen voor het gebruik van onze schepen of drijvend materieel en de kosten die we moeten maken om te voldoen aan alle vereisten en wetgeving zouden kunnen stijgen. |
Continu opvolgen en voorzien van veranderingen in de wetgeving en de van toepassing zijnde vereisten. Onze interne scheepsmanager en ons managementteam hebben vele jaren ervaring en een uitgebreid netwerk binnen de sector om bestaande trends en veranderingen op te volgen. |
| Beschrijving van het risico | Potentiele impact | Beperkende factoren en controle | |||
|---|---|---|---|---|---|
| INFORMATIETECHNOLOGIESYSTEMEN | |||||
| Informatietechnologiesystemen veranderen snel en zijn van fundamenteel belang voor de dagelijkse bedrijfsvoering. |
Het falen van informatietechnologiesystemen of -processen kan een verkeerdelijke impact hebben op operaties of kan tot data inbreuken leiden. Cyberaanvallen, ransomware of andere security inbreuken kunnen informatietechnologiesystemen onbeschikbaar maken, onze scheepsactiviteiten verstoren en resulteren in huurverlies. |
Een toegewijd IT-team houdt voortdurend toezicht op de veranderingen en blootstellingen in de informatietechnologie. Verschillende maatregelen zoals firewalls, anti-virus software en gescheiden netwerken enz. zijn aanwezig. Een informatietechnocogie risicobeoordeling is op regelmatige basis uitgevoerd. Beleid en procedures zijn in plaats en omvatten een ramp herstel plan, een incidentbestrijdingsplan en een bedrijf continuïteitsplan. |
|||
| SNELLE TECHNOLOGISCHE INNOVATIE OP HET GEBIELD VAN SCHEEPSONTWERP EN UITRUSTING | |||||
| Voor onze activa gelden specifieke risico's dat ontwerpen/uitrusting verouderd raken door van technische/technologische vooruitgang en innovatie. |
Activa verouderen of zijn niet meer concurrerend in het licht van de marktpraktijk en evoluerende normen. |
EXMAR heeft een sterke positie als innovator en is er altijd in geslaagd om nieuwe ontwerpen/grootte van schepen op de markt te brengen, en wordt beschouwd als pionier in zowel scheepvaartactiviteiten en vlottende oplossingen. Wortels uit de scheepsbouw, sterke technische expertise en een aparte technische desk en veel ingenieurs bemand (Houston, Parijs en Antwerpen) voor het maken/verbeteren van ontwerpen zorgen ervoor dat we de beste/eerste in onze klasse zijn. De toenemende focus op ESG zal ons streven naar innovatie en het hanteren van hoge normen, rekening houden met toekomstige veranderingen in de energiemarkten. |
|||
| UITBRAAK VAN EEN PANDEMISCHE ZIEKTE | |||||
| Onze zeelieden en de voorraden zijn cruciaal voor onze operaties, een uitbraak van een pandemisch virus of besmettelijke ziekte kan operaties bemoeilijken. |
Een uitbraak van een pandemisch virus in een regio of op wereldschaal zou onze activiteiten beïnvloeden. Lokale of internationale maatregelen zoals, maar niet beperkt tot, reisverboden, beperkte of geen toegang tot de haven of quarantainemaatregelen na een dergelijke uitbraak, zou de bevoorrading van onze drijvende activa kunnen bemoeilijken en bemoeilijken het inschepen of zelfs het opschorten van de mogelijkheid voor zeevarenden om aan boord te gaan. Dergelijke gebeurtenissen zouden kunnen resulteren in het buiten gebruik stellen van het actief en een verlies van inkomsten voor het actief of een deel van onze vloot. |
Specifieke en strikte beleidslijnen en procedures zijn beschikbaar voor een geïsoleerde uitbraak aan boord van een schip en onze mensen zijn specifiek getraind op hoe je met zo'n gebeurtenis omgaat. Gebeurtenissen en risico's zijn voortdurend gemonitord door onze operationele teams die ook deelnemen aan lokale en internationale verenigingen en brancheorganisaties om in overeenstemming te zijn met veranderingen in de eisen, doorlopende richtlijnen en maatregelen. Onze activiteiten zijn zeer gediversifieerd en onze schepen worden ingezet op een wereldwijde schaal, onze zeevarenden komen van over heel de wereld en zijn niet afhankelijk van hun nationaliteit of een specifieke regio. De planning van onze zeevarenden is flexibel en de contracten kunnen indien nodig verlengd worden voor het geval vervanging niet meteen mogelijk of beschikbaar is. Een continuïteitsplan is beschikbaar om te reageren op dergelijk gebeuren en de maatregelen voorzien in de mogelijkheid om al onze medewerkers aan wal op afstand te laten werken of zelfs geïsoleerd. In het geval dat de operaties moeten worden gestopt, bevatten sommige van onze commerciële overeenkomsten clausules die betrekking hebben op overmacht en in geval van een off-hire dat een bepaald aantal overschrijdt, dekke onze verzekeringspolissen tijdelijk het verlies aan inkomsten. |
76
| Beschrijving van het risico | Potentiele impact | Beperkende factoren en controle | ||
|---|---|---|---|---|
| TEGENPARTIJRISICO'S | ||||
| Afhankelijkheid van een beperkt aantal klanten: we ontvangen een belangrijk deel van onze inkomsten van een beperkt aantal klanten. |
Een verslechtering van de financiële situatie van één van onze grootste klanten zou leiden tot een aanzienlijk verlies van inkomsten en kasstromen. |
Verplichtingen van klanten in het kader van de langetermijncontracten of garanties of andere zekerheden. De meeste van onze belangrijke klanten zijn reeds meerdere jaren klant van EXMAR, ons managementteam beschikt over de nodige ervaring en knowhow om de activiteiten en de financiële situatie van onze klanten te beoordelen. |
||
| Bevrachters kunnen betalingsachterstand oplopen of failliet gaan. |
In geval van verlies van een klant zou dit een impact hebben op onze inkomsten en onze kasstromen. De kosten om een nieuw contract aan te gaan voor het schip kunnen hoog zijn en de marktvoorwaarden kunnen ongunstig zijn. |
Ons klantenbestand is sterk gediversifieerd en bestaat uit grote bedrijven die actief zijn op de olie- en gasmarkt. Voor nieuwe klanten vindt er een uitvoerig kredietonderzoek plaats en bijkomende zekerheden of garanties worden geëist wanneer dit nodig geacht wordt. De huursom dient vooraf betaald te worden. |
||
| FINANCIERING | ||||
| EXMAR is onderhevig aan beperkingen op kredietovereenkomsten, zoals financiële convenanten en beperkingen voor EXMAR en haar dochterbedrijven om verdere schulden aan te gaan, dividend uit te keren, bepaalde investeringen te doen, onderdelen van haar business verkopen zonder de toestemming van haar kredietverstrekkers. |
De bestaande financieringsafspraken voor onze vloot worden gedekt door onze schepen en garanties van het moederbedrijf, en bevatten beperkingen en andere convenanten die onze activiteiten en financiering zouden kunnen beperken. Elk verzuim kan leiden tot de vervroeging van de vervaldag en de kredietverstrekkers kunnen een beroep doen op de garanties. |
Onze kasstromen en onze financiële positie, met inbegrip van de vereisten van de financieringsovereenkomsten, worden continu opgevolgd. Onze financieringsstrategie streeft naar de diversifiëring van financieringsmiddelen en de spreiding van de vervaldagen. Er wordt een dialoog onderhouden met verschillende investeerders en financiële partners om een relatie op lange termijn op te bouwen. Per 31 december 2020 wordt aan alle van toepassing zijnde financiële voorwaarden voldaan die verbonden zijn aan de financieringsovereenkomsten. |
||
| Financiering die gezocht moet worden voor activa in aanbouw en bestaande financieringsovereenkomsten dienen op de vervaldag geherfinancierd te worden. |
De onmogelijkheid om onze activa in aanbouw en onze bestaande vloot te financieren of te herfinancieren zou een aanzienlijke impact hebben op onze financiële positie. De financieringsmogelijkheden en de financieringskosten kunnen variëren en afhankelijk zijn van de algemene economische omstandigheden. |
Financieringen zijn inherent aan onze activiteiten en investeringen. Ons management team heeft talrijke contacten met financiële partners en heeft een aanzienlijke expertise in het bekomen van financieringen voor diverse activiteiten en investeringen. |
||
| RENTEVOETEN EN WISSELKOERSEN | ||||
| Een belangrijk deel van onze financieringsovereenkomsten heeft een variabele rentevoet. Onze transacties vinden plaats in USD, maar bepaalde kosten zijn in EUR en een deel van onze financiële schuld is in NOK. |
Een stijging van de rentevoeten op de internationale financiële markten zou een negatieve invloed hebben op onze kasstromen en mogelijk ook op de reële waarde van financiële instrumenten die gebruikt worden om zich in te dekken tegen de blootstelling aan rentevoeten. Een verzwakking van de USD in vergelijking met de EUR zou onze resultaten negatief beïnvloeden. Sommige van onze financiële instrumenten vereisen een waarborg in geld voor de reële waarde van het financiële instrument. Bijkomende contante waarborgen zouden vereist kunnen zijn. |
De blootstelling aan rentevoeten en aan wisselkoersen wordt actief beheerd en er zullen verschillende instrumenten gebruikt worden om een gepast deel van de blootstelling te dekken. De schommelingen in de reële waarde van afdekkingsinstrumenten zijn een niet-gerealiseerde post. |
Negatieve variaties in de reële marktwaarde van onze vloot en ander drijvend materieel.
Een sterke daling in de reële waarde van onze vloot zou kunnen leiden tot een te boeken bijzonder waardeverminderingsverlies, wat een belangrijke impact zou hebben op onze financiële positie en resultaat. De verhouding van de reële waarde van onze vloot tot de uitstaande schuld is een financieel convenant in onze financieringsovereenkomsten. Onze activiteiten zijn vaak cyclisch, waardoor er op korte termijn schommelingen ontstaan in de reële waarde van onze vloot als geheel. Een sterke daling zou tot een niet-naleving van de voorwaarden van dergelijke overeenkomsten kunnen leiden.
De waarde van onze vloot wordt continu opgevolgd door middel van interne en externe informatie en minstens op elke rapporteringsdag wordt onze vloot getest op waardevermindering. De testen worden gedaan door de boekwaarde van onze vloot te vergelijken met beoordelingen van onafhankelijke scheepsmakelaars en met de netto contante waarde van de verwachte operationele kasstromen. Deze operationele kasstromen zijn gebaseerd op interne informatie en er wordt een sensitiviteitsanalyse uitgevoerd op elke veronderstelling. Op basis van de uitgevoerde testen wordt per 31 december 2020 wordt voldaan aan alle financiële voorwaarden verbonden aan onze financieringsovereenkomsten.
Financiële verplichtingen en de behoefte aan werkkapitaal kunnen verschillen afhankelijk van een aantal factoren.
Onze kasgenererende activiteiten kunnen cyclish en afhankelijk van marktsituaties zijn, terwijl onze uitgaande geldstroom betrekking kan hebben op operationele, investerings- of financiële activiteiten. Elke tekortkoming in het nakomen van onze financiële verplichtingen kan materiële gevolgen hebben voor onze activiteiten en kunnen gevallen van verzuim uitlokken onder bepaalde overeenkomsten.
De liquiditeit wordt op regelmatige basis beheerd om te garanderen dat er voldoende middelen beschikbaar zijn om te kunnen voldoen aan de financiële verplichtingen wanneer ze verschuldigd zijn onder normale en moeilijke omstandigheden. Maandelijks wordt er een prognose van de kasstroom voor minstens de 12 komende maanden opgemaakt en gemonitord per segment. Deze prognose is gebaseerd op onze gekende contractuele rechten & verplichtingen en maakt gebruik van ramingen of veronderstellingen waar nodig. Onze bronnen aan bedrijfsinkomsten, zowel als onze financieringsbronnen zijn gediversifieerd. Betalingen met betrekking tot investeringsactiviteiten en onze looptijd van banken en andere leningen zijn tevens versrpreid over meerdere jaren.
Het Remuneratieverslag beschrijft de toepassing van de principes die EXMAR hanteert voor de remuneratie van haar bestuurders en de leden van haar Uitvoerend Comité. Het is opgesteld in overeenstemming met de bepalingen van de op 28 april 2020 door het Belgisch Parlement goed gekeurde en op 6 mei 2020 gepubliceerde wet voor de omzetting van de tweede richtlijn inzake aandeelhoudersrechten (SRD II), het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV) en de Belgische Corporate Governance Code 2020 (Code 2020).
Het Remuneratiebeleid is goedgekeurd door de Raad van Bestuur op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité, waarvan de rollen en verantwoordelijkheden worden uiteengezet in het door EXMAR aanvaarde Corporate Governance Charter. Dit Beleid, in lijn met de nieuwe bepalingen van de SRD II, het WVV en de Code 2020, zal ter goedkeuring worden voorgelegd aan de Jaarlijkse Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 18 mei 2021. Indien het wordt goedgekeurd, zal dit Beleid vanaf het jaar 2021 van toepassing zijn op de remuneratie van de leden van de Raad van Bestuur en van het Uitvoerend Comité.
EXMAR streeft naar een remuneratie waarmee zij bekwame professionals voor de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Comité kan aantrekken, motiveren, belonen en behouden die nodig zijn om de operationele en strategische doelstellingen van de Vennootschap te bereiken en waardecreatie op lange termijn te bevorderen.
EXMAR tracht te verzekeren dat de leden van de Raad van Bestuur en van het Uitvoerend Comité niet in hun eigen belang zullen handelen en/ of geen risico's zullen nemen die niet zouden passen in de strategie en het risicoprofiel van de Vennootschap.
De remuneratie van de niet-uitvoerend bestuur ders wordt door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders beslist op voorstel van de Raad van Bestuur. Dit voorstel is gebaseerd op de aanbevelingen van het Benoemings- en Remuneratiecomité.
De remuneratie van de niet-uitvoerend bestuur ders houdt rekening met hun verantwoordelijk heden, hun rol als lid van de Raad, hun werklast en specifieke rollen zoals voorzitter van de Raad of voorzitter of lid van comités van de Raad.
Alle niet-uitvoerend bestuurders ontvangen een vaste jaarlijkse vergoeding van EUR 50.000. Er worden geen zitpenningen uitgekeerd. De leden van het Audit- en Risicocomité en/ of het Benoemings- en Remuneratiecomité ontvangen een bijkomende vaste vergoeding van EUR 10.000. De jaarlijkse betalingen zijn pro rata het aantal tijdens het kalenderjaar als actief lid van de Raad of van een comité gediende maanden.
De jaarlijkse vaste vergoeding van de voorzitter van de Raad en de voorzitter van elk comité is vanwege hun rollen en verantwoordelijkheden het dubbele van de vergoeding van de andere leden van de Raad of de comités, met uitzondering van het Benoemings- en Remuneratiecomité. De Vennootschap zorgt voor de gebruikelijke verze keringspolissen die de activiteiten van de Raad van Bestuur dekken in de uitvoering van zijn taken op het niveau van de groep.
De niet-uitvoerend bestuurders ontvangen geen op prestaties gebaseerde remuneratie en geen voordelen in natura in verband met pensioenplannen.
In afwijking van bepaling 7.6 van de Code 2020 ontvangen de niet-uitvoerend bestuurders geen deel van hun remuneratie in de vorm van aandelen van de Vennootschap. EXMAR meent dat de toekenning van remuneratie (geheel of gedeeltelijk) in de vorm van aandelen er niet noodzakelijk zou toe bijdragen dat de bestuur ders uit een perspectief van de aandeelhou derswaarde op lange termijn en het risicoprofiel van de Vennootschap zouden handelen. De Vennootschap zal dit met regelmatige intervallen heroverwegen.
De Algemene Vergadering van Aandeelhouders stelt de bestuurders aan en keurt de duur van hun mandaat voor een maximale termijn van 3 jaar goed. Zij kunnen geen aanspraak maken op opzeggingstermijnen of ontslagvergoedingen wegens de beëindiging van hun mandaat. Zij kunnen op elk ogenblik door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders worden ontslagen.
De uitvoerend bestuurders van EXMAR die lid zijn van het Uitvoerend Comité worden uitsluitend vergoed in hun uitvoerende hoedanigheid en niet in hun hoedanigheid van bestuurder/lid van de Raad. Dit geldt ook voor het lidmaatschap van de raad van dochterondernemingen. Indien uitvoerend bestuurders voor hun rol in dochterondernemingen worden vergoed, maakt die vergoeding deel uit van hun overeengekomen totale pakket.
| Vaste remuneratie |
Auditcomité remuneratie |
Remuneratie comité remuneratie |
Totaal | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| OVERZICHT VAN DE VERGOEDINGEN VAN DE LEDEN VAN DE RAAD VAN BESTUUR IN EURO | |||||||||
| Baron Philippe Bodson tot 5 april 2020 | Voorzitter | 26.230 | 2.623 | 2.623 | 31.475 | ||||
| Nicolas Saverys vanaf 14 april 2020 | Voorzitter | - | 0 | ||||||
| Nicolas Saverys tot 14 april 2020 | CEO | - | 0 | ||||||
| Francis Mottrie vanaf 14 april 2020 | CEO | - | 0 | ||||||
| Jalcos nv (Ludwig Criel) | Niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 20.000 | 6.202 | 76.202 | ||||
| Michel Delbaere | Niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 10.000 | 60.000 | |||||
| Isabelle Vleurinck | Niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 10.000 | 10.000 | 70.000 | ||||
| Wouter De Geest vanaf 29 januari 2020 | Niet-uitvoerend bestuurder | 46.175 | 6.202 | 52.377 | |||||
| Baron Philippe Vlerick | Niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 10.000 | 60.000 | |||||
| Pauline Saverys | Niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 50.000 | ||||||
| Barbara Saverys | Niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 50.000 | ||||||
| Ariane Saverys | Niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 50.000 | ||||||
| 422.404 | 48.825 | 28.825 | 500.055 |
In lijn met de algemene beloningsprincipes van EXMAR is de remuneratie van de leden van het Uitvoerend Comité afhankelijk van de prestaties van de Vennootschap en de individuele vaardigheden en prestaties. Het remuneratiepakket bestaat uit drie elementen:
> de vaste jaarlijkse remuneratie,
> de variabele remuneratie op korte termijn (KTI – korte termijn incentive)
> de variabele remuneratie op lange termijn (LTI – lange termijn incentive).
Het niveau en de structuur van de vergoedingspakketten liggen in lijn met de marktpraktijken voor soortgelijke functies in vergelijkbare vennootschappen.
| Naam vennootschap |
Basis salaris |
Variabel op korte termijn |
Aandelen opties |
Verzeke rings paket* |
Andere voor delen** |
Totaal | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| UITVOEREND VOORZITTER | ||||||||
| Nicolas Saverys | Uitvoerend voorzitter vanaf 14 april 2020 |
NvT (zelfstandige) |
589.418 | 196.142 | 0 | 125.613 | 19.684 | 930.857 |
| 63% | 21% | 0% | 13% | 2% | 100% | |||
| CEO | ||||||||
| Nicolas Saverys | CEO tot 13 april 2020 |
NvT (zelfstandige) |
233.967 | 77.858 | 0 | 49.862 | 7.813 | 369.500 |
| 63% | 21% | 0% | 13% | 2% | 100% | |||
| Francis Mottrie | Deputy CEO tot 13 april 2020 |
FMO BV | 163.388 | 0 | 0 | 0 | 0 | 163.388 |
| 100% | 0% | 0% | 0% | 0% | 100% | |||
| Francis Mottrie | CEO vanaf 14 april 2020 |
FMO BV | 411.612 | 411.612 | ||||
| 100% | 0% | 0% | 0% | 0% | 100% |
* individuele pensioentoezegging, verzekering gewaarborgd inkomen, ongevallenverzekering, hospitalisatieverzekering, reisbijstandsverzekering ** huisvesting, wagen, gsm en maaltijdcheques
80

| Naam vennootschap |
Basis salaris |
Variabel op korte termijn |
Aandelen opties |
Verzeke rings paket* |
Andere voor delen** |
Totaal | |||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| OVERIGE LEDEN VAN HET UITVOEREND COMITE | |||||||||
| Patrick De Brabandere | CFO | NvT (zelfstandige) |
511.916 | 0 | 0 | 63.787 | 12.062 | 587.765 | |
| 87% | 0% | 0% | 11% | 2% | 100% | ||||
| Jens Ismar | Managing Director Shipping |
LISANN SA (Norway) |
575.040 | 0 | 0 | 0 | 0 | 575.040 | |
| 100% | 0% | 0% | 0% | 0% | 100% | ||||
| Jonathan Raes | Managing Director Infrastructure |
FLX Consultancy BV |
275.000 | 91.668 | 0 | 0 | 0 | 366.668 | |
| 75% | 25% | 0% | 0% | 0% | 100% |
* individuele pensioentoezegging, verzekering gewaarborgd inkomen, ongevallenverzekering, hospitalisatieverzekering, reisbijstandsverzekering ** huisvesting, wagen, gsm en maaltijdcheques
De vaste jaarlijkse remuneratie omvat een vaste jaarlijkse remuneratiebasis die rekening houdt met de verantwoordelijkheden, vaardig heden, ervaring en prestaties van het lid van het Uitvoerend Comité. Andere voordelen, zoals medische zorg, ziekteverzekering, dekking voor overlijden en arbeidsongeschiktheid en andere voordelen worden eveneens verstrekt volgens de marktpraktijken aan de leden van het Uitvoerend Comité met het statuut van zelfstandige of werknemer.
De variabele remuneratie op kort termijn (jaar bonus) beloont de leden van het Uitvoerend Comité voor het bereiken van de prestatiecriteria. Het bedrag wordt uitgedrukt als een percentage van de vaste jaarlijkse remuneratie. De evalua tieperiode is het boekjaar.
De variabele vergoeding is afhankelijk van het resultaat van de Vennootschap en van andere factoren zoals het functioneren van de betrokkene, de toekomstperspectieven, de marktsituatie, exceptionele bijdrage(n) en/of speciale projecten.
De variabele vergoeding is afhankelijk van de evolutie van de resultaten en van de specifieke beoordeling en het functioneren van elk individu. De Raad van Bestuur kan hiervan afwijken en beslissen om op basis van andere objectieve criteria een bonus toe te kennen aan een lid van het Uitvoerend Comité.
De Buitengewone Aandeelhoudersvergadering van 17 mei 2011 heeft beslist gebruik te maken van de toelating voorzien in artikel 7:91 van het WVV en aldus uitdrukkelijk af te zien van de regeling betreffende de spreiding in de tijd van de betaling van de variabele vergoeding van de leden van het Uitvoerend Comité.
De beslissing omtrent een eventuele toepassing van vermelde regeling werd door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders gedelegeerd aan de Raad van Bestuur.
Indien het resultaat op substantiële wijze afwijkt van de basis waarop de variabele remuneratie van de leden van het Uitvoerend Comité is berekend, kan de Raad van Bestuur beslissen om het variabele gedeelte van de remuneratie te herzien en desgevallend terug te vorderen.
Door middel van de langetermijnvergoeding stuurt EXMAR aan op duurzame economische waardecreatie. Hierdoor worden de belangen van de leden van het Uitvoerend Comité beter afgestemd op die van de aandeelhouders en kunnen zij aan de Vennootschap verbonden blijven.
De langetermijnvergoeding bestaat uit een aan delenoptieplan op bestaande EXMAR-aandelen. De opties kunnen pas uitgeoefend worden na een periode van drie jaar.
Wanneer een lid van het Uitvoerend Comité ontslag neemt, of bij ontslag om dringende redenen door EXMAR, vervalt het recht op het uitoefenen van de opties.
Het aantal aangeboden aandelenopties wordt elk jaar door de Raad van Bestuur goedgekeurd op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratie comité. De toekenning van aandelenopties is niet gebonden aan vooraf vastgelegde en objectief meetbare prestatiecriteria.
In afwijking van bepaling 7.9 van de Code 2020 bepaalt de Raad van Bestuur geen expliciete minimumdrempel van aandelen van EXMAR die aangehouden moeten worden door leden van het Uitvoerend Comité. EXMAR meent dat het met haar huidige remuneratiebeleid een duidelijk verband legt met de strategie en prestaties op lange termijn van de Vennootschap.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité heeft de haalbaarheid overwogen van terugvorderings- en malusvoorwaarden in zijn variabele betaalplannen. Gelet op de onzekerheid over de geldigheid en het nut van terugvorderingsclausules in de Belgische wetgeving, heeft EXMAR momenteel geen terugvorderingsbepalingen voor prestatie gebonden betalingen, behalve in het geval van fraude of wangedrag. Indien een variabele remu neratie zou worden betaald op basis van onjuiste financiële gegevens, kan die misrekening worden gecompenseerd door een terugbetaling of door een inhouding op de betaling van de toekomstige variabele remuneratie.
In de overeenkomsten met de leden van het Uitvoerend Comité zijn gebruikelijke opzeg termijnen en vertrekvergoedingen voorzien die rekening houden met factoren zoals de functie en de ervaring van het kaderlid, altijd binnen het toepasselijke wettelijke kader.
De Raad van Bestuur heeft op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité en de CFO, dhr. Miguel de Potter, in onderling overleg beslist de managementovereenkomst met Chirmont NV, vertegenwoordigd door dhr. de Potter, te beëin digen met ingang van 1 februari 2020, op voor waarde van de betaling van een vertrekvergoeding door de Vennootschap van EUR 300.000, het equivalent van 12 maanden remuneratie.
De verhouding tussen de hoogste remuneratie (CEO) en de laagste remuneratie (voltijds equivalent) is een factor 10,5. De verhouding tussen de hoogste remuneratie (CEO) en de gemiddelde remuneratie is een factor 6.
| 2016 | % var. | 2017 | % var. | 2018 | % var. | 2019 | % var. | 2020 | % var. | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| GLOBALE REMUNERATIE RAAD VAN BESTUUR EN UITVOEREND COMITÉ |
||||||||||
| Globale remuneratie Raad van Bestuur (1)(2) (in duizenden EUR) |
640 | 10% | 580 | -9% | 580 | 0% | 650 | 12% | 600 | -8% |
| Globale remuneratie van de CEO(3)(4) (in duizenden EUR) |
1.036 | -5% | 1.937 | 87% | 2.097 | 8% | 998 | -52% | 1.876 | 88% |
| Globale remuneratie van de overige leden van het Uitvoerend Comité(4) (in duizenden EUR) |
2.763 | -31% | 3.409 | 23% | 2.991 | -12% | 2.493 | -17% | 1.530 | -39% |
| FINANCIELE PRESTATIES VAN DE VENNOOTSCHAP |
||||||||||
| Netto resultaat voor de periode (in duizenden USD) |
40.410 | 259% | 27.952 | -31% | -16.070 | -157% | -13.202 | -18% | 91.960 | -797% |
| EBITDA voor de periode(5) (in duizenden USD) |
116.481 | 17% | 141.393 | 21% | 67.371 | -52% | 100.915 | 50% | 239.855 | 138% |
| Gemiddelde remuneratie(6) (in duizenden EUR) |
91 | -3% | 96 | 5% | 99 | 3% | 100 | 1% | 98 | -2% |
(1) inbrepen Audit comité en Benoemings en Remuneratiecomité
(2) per jaar om een zinvolle vergelijking te bekomen
(3) inbegrepen de vergoeding van de uitvoerende voorzitter en de deputy CEO in 2020
(4) de toegekende aandelenopties uitgesloten (5) volgens proportionele consolidatie methode
(6) totale kost voor de vennootschap
De leden van de Uitvoerend Comité behoren tot de begunstigden van de aandelenoptieplannen die de Raad van Bestuur heeft goedgekeurd. Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité heeft de Raad van Bestuur beslist om voor het jaar 2020 geen aandelenopties toe te kennen.
| Uitstaand per 31/12/2019 |
Verlopen in 2020 |
Uitgeoefend in 2020 |
Toegekend in 2020 |
Uitstaand per 31/12/2020 |
|
|---|---|---|---|---|---|
| Nicolas Saverys | 198.624 | 18.624 | - | - | 180.000 |
| Patrick De Brabandere | 134.464 | 14.464 | - | - | 120.000 |
| Jonathan Raes | 2.500 | - | - | - | 2.500 |
| Francis Mottrie | n/a | n/a | n/a | 0 | 0 |
| Jens Ismar | n/a | n/a | n/a | 0 | 0 |
| 335.588 | 33.088 | - | - | 302.500 |

VERSLAG VAN DE COMMISSARIS
De Raad van Bestuur legt u het gecombineerde jaarverslag over de enkelvoudige en gecon solideerde jaarrekeningen van EXMAR NV (de "Vennootschap") per 31 december 2020 voor overeenkomstig de artikelen 3:6 en 3:32 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.
De Vennootschap is verplicht haar jaarrekening te publiceren volgens de bepalingen van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007 be treffende de verplichtingen van emittenten van financiële instrumenten die zijn toegelaten tot verhandeling op de Belgische gereglementeerde markt.
De elementen die volgens de hogervermelde reglementen en het Wetboek van Vennoot schappen en Verenigingen van toepassing zijn op de Vennootschap, worden behandeld in dit verslag en in de Corporate Governance Verklaring. Dit jaarverslag dient aldus samen met EXMAR's verslag over 2020 gelezen te worden.
Sinds de uitbraak van de COVID-19 crisis in maart 2020 en de wereldwijde verstoorde economische activiteiten werd ook EXMAR geconfronteerd met de gevolgen hiervan, vooral door de vermeende overmacht die werd ingeroepen door YPF en de financiële impact die de COVID-19 crisis veroor zaakte in het reissegment.
De Raad van Bestuur blijft alert en volgt de situatie op de voet om snel te schakelen en de gepaste maatregelen te nemen.
Zowel aan wal als aan boord van de schepen werden maatregelen genomen om de veiligheid en het welzijn van onze medewerkers en de continuïteit van de werkzaamheden te kunnen verzekeren. Een van de grootste uitdagingen tijdens de pandemie was de aflossing van de scheepsbemanningen, waarvoor we konden rekenen op de flexibiliteit van onze medewerkers aan wal en onze zeevarenden.
Het merendeel van EXMAR's schepen is tewerk gesteld onder middellange- tot langetermijn contracten en ondanks de onzekerheden die COVID-19 teweegbrengt, kon EXMAR dankzij zijn sterk opgebouwde klantenportfolio bestaande tijdsbevrachtingsovereenkomsten in het midsize segment verlengen.
De geconsolideerde jaarrekening werd opge steld volgens International Financial Reporting Standards (IFRS).
De onderstaande bespreking van de geconsoli deerde jaarrekening is gebaseerd op de volgens de vermogensmutatiemethode opgestelde gecon solideerde jaarrekening.
EXMAR Groep heeft in 2020 een geconsolideerd resultaat gerealiseerd van USD 92,0 miljoen (USD -13.2 miljoen in 2019).
De omzet steeg in vergelijking met 2019 (USD 148,4 miljoen). Deze stijging in omzet is voornamelijk terug te vinden in het Infrastructuur segment en het diensten segment. In het infrastructuur segment is de stijging voornamelijk het gevolg van de schikkingsvergoeding van YPF als gevolg van de vroegtijdige schikking van de overeenkomsten met betrekking tot de TANGO FLNG (bruto bedrag van USD 150 miljoen). In het diensten segment is de omzetstijging hoofzakelijk het gevolg van de opzegvergoeding ontvangen van Excelerate Energy als gevolg van de stopzetting van de scheepsbemanningsovereenkomsten van de 7 schepen van Excelerate Energy die gemanaged werden door EXMAR Shipmanagement (USD 13 miljoen).
De meerwaarde op de verkoop van activa daalt met USD 19,1 miljoen in vergelijking met 2019. Einde juni 2019 werd EXMAR's 50% eigendoms percentage in de toenmalige joint-venture RESLEA verkocht aan Compagnie Maritime Belge ("CMB"). Deze verkoop resulteerde in een meerwaarde van USD 19,2 miljoen.
De bedrijfskosten namen toe in vergelijking met 2019 met USD 4,8 miljoen. Deze stijging wordt enerzijds verklaard door verhoogde afschrijvingen (USD 10,5 miljoen). Door de huidige marktomstandigheden heeft het management besloten om de geschatte gebruiksduur van de "pressurized" vloot te verkorten van 30 jaar naar 20 jaar en dit vanaf boekjaar 2020. Deze wijziging heeft een effect van USD 5,4 miljoen extra afschrijvingen in de geconsolideerde resultatenrekening. Verder werden de specifieke kosten welke gemaakt en geactiveerd werden met betrekking tot het YPF contract volledig in resultaat genomen in 2020 als gevolg van de schikking van het contract (extra effect van USD 5,8 miljoen in de geconsolideerde resultatenrekening). Anderzijds wordt de stijging in afschrijvingen deels gecompenseerd door lagere waardeverminderingsverliezen. In 2019 werd een waardevermindering van USD 4,7 miljoen geregistreerd op het vliegtuig aangehouden voor verkoop. In 2020 werd een bijkomende waardevermindering op dit vliegtuig geboekt van USD 1 miljoen.
Het nettofinancieringsresultaat voor 2020 bedraagt USD -28,4 miljoen (2019: USD -26 miljoen). De beweging kan deels verklaard worden door lagere intrestinkomsten in 2020, in 2019 werden intresten ontvangen op de geannuleerde scheepsbouwcontracten voor 2 VLGC's. Een andere verklaring betreft gestegen overige financiële kosten, voornamelijk als gevolg van verhoogde koersverliezen.
Het aandeel in het resultaat van geassocieerde vennootschappen en joint-ventures bedroeg USD -17,8 miljoen (2019: USD 1,8 miljoen). Het geregistreerd verlies in 2020 is voornamelijk het gevolg van geregistreerde waardeverminderingen op de oudere schepen binnen onze joint-venture vennootschappen.
De schepen bedroegen USD 561,4 miljoen en omvatten de vloot met druktanks, de TANGO FLNG, de FSRU en de aanbetalingen met betrekking tot de twee VLGC's in aanbouw.
De investeringen in de geassocieerde onder nemingen en joint-ventures bedroegen USD 73,3 miljoen (2019: USD 95,6 miljoen) en bestaan uit ons aandeel in de verschillende joint-ventures en geassocieerde ondernemingen. De daling is voornamelijk toe te schrijven aan het geregis treerde aandeel in het verlies van geassocieerde vennootschappen en joint-ventures.
Leningen aan geassocieerde vennootschappen en joint-ventures bedroegen USD 29,8 miljoen (2019: USD 49,5 miljoen) en omvatten de aandeelhoudersleningen aan onze geassocieerde ondernemingen en joint-ventures. De daling binnen deze rubriek heeft voornamelijk betrekking op de terugbetaling van USD 10 miljoen op de aandeel houderslening aan EXMAR LPG. Een additionele terugbetaling van USD 10 miljoen wordt verwacht in de eerste jaarhelft van 2021, om deze reden werd dit bedrag dan ook geclassificeerd onder de korte termijn vorderingen.
De handels-en overige vorderingen bedroegen USD 143,6 miljoen (2019: USD 43,6 miljoen). De stijging in vorderingen is voornamelijk toe te schrijven aan de schikkingsvergoeding van het YPF contract welke betaald wordt in overeenstem ming met het tussen partijen overeengekomen betalingsschema.
De kaspositie op 31 december 2020 bedroeg USD 103,8 miljoen (2019: USD 119,9 miljoen). De geblokkeerde kasequivalenten hebben betrekking op de kredietfaciliteit met "Bank of China" voor de TANGO FLNG ("DSRA") en bedroegen USD 75,6 miljoen per 31 december 2020 (2019: USD 67,3 miljoen). De beweging op de geblokkeerde kasequivalenten wordt verklaard door de geblokkeerde rekening bij "Bank of China" dewelke gebruikt wordt voor de periodieke schuldaflossing.
Het eigen vermogen bedroeg USD 545,9 miljoen (2019: USD 448,9 miljoen) Deze stijging in het eigen vermogen is voornamelijk toe te schrijven aan het resultaat van het boekjaar (USD 92,0 miljoen).
De financiële schuld bedroeg per 31 december 2020 USD 341,6 miljoen (2019: USD 405,4 miljoen). Deze daling is voornamelijk het gevolg van de terugbetalingen verricht op verschillende kredieten.
Handels-en overige schulden bedroegen USD 37,6 miljoen en daalden met USD 11,1 miljoen vergeleken met de cijfers per 31 december 2019 één en ander als gevolg van verlaagde over te dragen opbrengsten voor TANGO FLNG. Een andere verklaring voor de daling betreft verlaagde leveranciersschulden in oa Travel Plus (als direct gevolg van de COVID -19 pandemie).
De enkelvoudige rekening werd opgesteld volgens Belgian GAAP.
Tijdens het afgelopen boekjaar hebben zich geen wijzigingen voorgedaan in het kapitaal van de Vennootschap
De jaarrekening, zoals ze zal worden voorgelegd aan de Algemene Vergadering van 18 mei 2021, werd door de Raad van Bestuur aan de waarderingsregels getoetst en in die vorm goedgekeurd.
De onderstaande bespreking betreft de belangrijkste posten van de enkelvoudige jaarrekening:
Het statutaire resultaat voor het boekjaar bedraagt USD -84 miljoen (USD 44,9 miljoen in 2019).
Het operationeel resultaat bedraagt USD -6,6 miljoen (2019: USD -5,5 miljoen).
De financiële opbrengsten daalden met USD 37,2 miljoen in vergelijking in vergelijking met 2019, voornamelijk toe te schrijven aan de meerwaarde gerealiseerd in 2019 op de verkoop van EXMAR's 50% aandeel in RESLEA, eigenaar van de kantoorgebouwen in Antwerpen, aan Compagnie Maritime Belge ("CMB"). De financiële kosten stegen met USD 92,7 miljoen tegenover 2019, wat voornamelijk te wijten is doordat er waardeverminderingen geboekt werden op vorderingen aan verbonden ondernemingen.
Op het einde van 2020 bedroegen de totale activa USD 708,1 (USD 823,3 miljoen per einde 2019), inbegrepen USD 609 miljoen financiële vaste activa (USD 702,8 miljoen in 2019).
Het eigen vermogen bedroeg USD 609,2 op het eind van 2020 (USD 704,1 miljoen per einde 2019). De daling van USD 94,9 miljoen is enerzijds het gevolg van het verlies van boekjaar 2020 voor een bedrag van USD 84 miljoen en anderzijds het gevolg van de voorgestelde dividenduitkering van USD 11,0 miljoen.
De schulden en voorzieningen op het einde van 2020 bedroegen USD 98,9 miljoen (USD 119,2 miljoen eind 2019), waarvan USD 98,6 miljoen korte termijnschulden (USD 118,9 korte termijnschulden op het einde van 2019). De daling van de schuld is voornamelijk te verklaren door verlaagde kortlopende bankfinancieringen en intercompany financieringen.
De Raad van Bestuur van EXMAR zal aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 18 mei 2021 voorstellen om de jaarrekeningen per 31 december 2020 goed te keuren, het resultaat te bestemmen zoals vermeld in de tabel hieronder en een dividend van 0.15 EUR bruto, ofwel 0.105 EUR netto per gewoon aandeel uit te keren.
De data en de modaliteiten van de dividendbetaling staan vermeld in de agenda van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders.
| Overgedragen winst | USD 321.297.698,77 |
|---|---|
| Verlies van het boekjaar | USD -83.972.414,85 |
| Overboeking uit de onbeschikbare reserve | USD 5.659.567,86 |
| Overdracht naar volgend boekjaar | USD 232.032.984,28 |
| Uit te keren dividend | USD 10.951.867,50 |
Na deze bestemming zal het eigen vermogen van USD 609.190.764,34 als volgt samengesteld zijn:
| Kapitaal | USD 88.811.667,00 |
|---|---|
| Uitgiftepremie | USD 209.901.923,77 |
| Reserves | USD 78.444.189,29 |
| Overgedragen winst | USD 232.032.984,28 |
Zoals beschreven in de Corporate Governance Verklaring.
| Activiteiten beschrijving | "Strategische Doelstellingen" | Doelstellingen | KPI | |
|---|---|---|---|---|
| Sociaal & Personeel | LTIF <0.5 / TCRF <4 Office Retention Rate >80% Retention rate Officer >90% & Rating >85% |
|||
| Prestatiecontrole | "Waarborgen dat de prestaties in lijn zijn met de industrie" |
>400 gerapporteerde onveilige handelingen (UA) / voorwaarden (UC) |
||
| >300 gerapporteerde bijna ongelukken |
||||
| Geen zware ongevallen of onderbrekingen |
||||
| "100% conform met de verplichte opleidingsmatrix voor zeevarenden" |
||||
| Werkveiligheidsprocessen | Controle op de veiligheids processen geïmplementeed |
|||
| Veiligheidsnorm | integreren in SMS | 75% Management Of Change heeft alle stappen in het proces afgewerkt |
||
| Menselijk element | Voldoende competente zeeva renden inzetten om de schepen |
Een aangepaste "crew vision" ontwikkelen en implementeren met nodige aandacht op het aanmoedigen van jonge medewerkers |
||
| efficiënt te bemannen | Een werkgroep starten voor meer aandacht voor de menselijke factor |
|||
| Milieu | Prestatiecontrole | Garanderen dat prestaties op niveau zijn van de sector. |
Geen olielekken of accidentele gaslekken Energy Efficiency Operation Index < 40 g/nm*MT |
|
| Duurzaamheid | Energy efficiency verhogen | Vessel class FOC/nm lager dan de gemiddelde wereldvloot FOC/nm |
||
| Een duurzaamheidsplan opstellen | Alle bestaande duurzaamheids inspanningen in kaart brengen |
|||
| De uitstoot in de atmosfeer verminderen |
De EEXI voor de vloot berekenen De EU Green Deal opvolgen om te anticiperen op mogelijke IMO |
|||
| De hoeveelheid afval die aan boord wordt geproduceerd verminderen" |
ontwikkelingen Promotie maken voor consumptie van aan boord geproduceerd drinkwater |
|||
| Mensenrechten en corruptie |
De veiligheid bij derden | Audit van cruciale aannemers (bv scheepswerven) |
||
| Veiligheidsnorm | aannemers verbeteren | Opvolging van de implemantie van de evaluatie van de aannemers |
||
| Menselijk element | een gezonde levensstijl implementeren |
De gezondheidsprocedures herzien om de bemanning te motiveren om gezondere eetgewoonten aan te nemen |
||
| Campagne voor gestelijke gezondheid |
Beschreven in de eerste hoofdstukken van het jaarlijks financieel verslag.
Per 31 december 2020 stelde EXMAR wereldwijd 1.625 personen te werk, onder wie 1.375 zeevarenden (2019:2.416, onder wie 2.124 zeevarenden).
Een belangrijk deel van de zeevarenden zijn tewerkgesteld op activa van of uitgebaat door onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures, de gerelateerde kost is niet opgenomen in de geconsolideerde personeelskosten of crew kosten van EXMAR volgens de vermogensmutatiemethode maar weergegeven in de operationele kosten van onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures.
Bij beslissing van de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 11 september 2020 werd aan de Raad van Bestuur de bevoegdheid verleend om maximaal 20% van de bestaande aandelen of winstbewijzen te verwerven gedurende een periode van vijf jaar vanaf de publicatie van die beslissing in de Bijlagen van het Belgisch Staatsblad, aan een prijs per aandeel die niet hoger is dan de maximumprijs per aandeel toegestaan onder toepasselijk recht en die niet lager mag zijn dan EUR 0,01.
Per 31 december 2020 had EXMAR 2.273.263 eigen aandelen, wat overeenkomt met 3,82% van het totale aantal uitgegeven aandelen.
Op 11 september 2020 machtigde de Buitengewone Algemene Vergadering de Raad van Bestuur om met inachtname van het toepasselijk recht, ter voorkoming van een dreigend ernstig nadeel voor de Vennootschap, met inbegrip van een openbaar overnamebod op de effecten van de Vennootschap, de aandelen of winstbewijzen van de Vennootschap te verwerven en te vervreemden gedurende een periode van drie jaar vanaf de bekendmaking in de Bijlagen tot het Belgisch Staatsblad van de beslissing van de Buitengewone Algemene Vergadering van 11 september 2020.
Bovendien werd aan de Raad van Bestuur de bevoegdheid verleend om bij ontvangst van een kennisgeving van de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) van een openbaar overnamebod op de effecten van de Vennootschap, het kapitaal van de Vennootschap te verhogen binnen de grenzen van het toegestaan kapitaal.
De Raad van Bestuur heeft tot op heden tien maal (10 plannen) beslist een aantal werknemers van de EXMAR Groep opties op bestaande aandelen aan te bieden.
Van de tien plannen zijn onderstaande niet verlopen:
| Datum aanbod | Aantal uitstaande opties | Uitoefenperiode | Uitoefenprijs in Euro | |
|---|---|---|---|---|
| PLAN 8 03.12.2013 | 391.500 | Tussen 01.01.2017 en 02.12.2021 |
10.54 | |
| PLAN 9 02.12.2014 | 336.100 | Tussen 01.01.2018 en 02.12.2022 |
10.54 | |
| PLAN10 04.12.2015 | 333.250 | Tussen 01.01.2019 en 03.12.2023 |
9.62 |
De waarderingsgrondslagen toegepast bij het afsluiten van de statutaire jaarrekening verschillen niet van de waarderingsgrondslagen die in het voorgaande boekjaar werden toegepast. De samenvatting van de waarderingsgrondslagen wordt aan de statutaire jaarrekening gehecht. Voor de geconsolideerde financiële staten verwijzen we naar de sectie waarderingsregels van de geconsolideerde jaarrekening. Meer specifiek worden de wijzigingen in de waarderingsregels uitgelegd in sectie E.
Beschreven in toelichting 38 bij de geconsolideerde jaarrekening.
EXMAR NV heeft geen bijkantoren.
De Commissaris heeft tijdens het voorbije boekjaar werkzaamheden verricht omtrent de omzetting van de vennootschapsvorm van enkele Belgische ondernemingen
De langetermijnvisie die eigen is aan de activi teit van EXMAR gaat gepaard met langlopende financieringen, en dus ook met een blootstelling aan variabele rentevoeten. EXMAR beheert deze blootstelling op een actieve manier en indien nodig door middel van diverse instrumenten ter indekking van stijgende rentevoeten voor een deel van haar schuldportefeuille door middel van diverse instru menten. Het wisselkoersrisico van de Groep wordt historisch gezien grotendeels beïnvloed door de EUR/USD verhouding voor de vergoeding van een deel van de bemanning van de vloot in EUR en voor de betaling van de salarissen en andere personeel gerelateerde kosten in EURO. EXMAR Netherlands BV heeft een nieuwe niet-gegarandeerde obligatie lening van NOK 650 miljoen afgesloten in 2019. De Groep maakt gebruik van diverse koersindek kingsinstrumenten wanneer noodzakelijk geacht. Per 31 december 2020 staan er geen valuta termijncontracten open om de EURO/USD of de NOK/USD positie in te dekken.
Er waren geen belangenconflicten op het niveau van het Uitvoerend Comité.
Belangenconflict Raad van Bestuur
Tijdens de vergadering van de Raad van Bestuur dd. 3 december 2020 verklaarde Nicolas Saverys dat hij een belangenconflict had, aangezien hij mede begunstigde is van de voorgestelde bonus waarvan sprake in volgend uittreksel van de notulen:
"The Executive Committee proposes to grant a bonus "Het voorstel van het Remuneratie Comité is om aan 4 personen, waaronder Nicolas Saverys, een bonus te geven (4 maanden loon, als beloning voor een perfect uitgevoerde dienst). De Raad gaat akkoord met het voorstel van het comité."
De twee VLGC's met dubbele brandstof (capaciteit 88.000 m³) zullen de EXMAR vloot vervoegen in het tweede en derde kwartaal van 2021 en meteen bij oplevering gecharterd worden aan Equinor.
In het midsize segment kon EXMAR dankzij zijn sterk opgebouwde klantenportfolio bestaande tijdsbevrachtingsovereenkomsten verlengen aan hogere tarieven ondanks de onzekerheden die COVID-19 teweegbrengt. EXMAR bevestigt hiermee een stevige positie in dit segment.
Voor 2021 is 76% van de midsize vloot ingedekt en indicatoren op de markt voorspellen opnieuw een goed jaar.
Hoewel het segment van de schepen met druk tanks afgelopen jaar het meest onder druk kwam te staan, is de indekking van de vloot reeds 68% voor 2021. De vrachttarieven trekken momenteel wat aan en duiden op een voorzichtige verbetering in dit segment. Indien deze trend zich doorzet zullen geleidelijk aan betere tarieven kunnen bekomen worden om zo de financiële prestaties van dit segment op te krikken.
Als pionier in de ontwikkeling van op een schip of platform gebaseerde vlottende hervergassingstoe passingen heeft EXMAR met TANGO FLNG beves tigd innovatieve, snel leverbare en kost-efficiënte drijvende infrastructuuroplossingen te kunnen leveren aan de olie- en gasindustrie. In 2021 zal EXMAR focussen op de tewerkstelling van de TANGO FLNG .
EXMAR blijft alle vertrouwen hebben in de afloop van de arbitrageprocedure met Gunvor. In tussentijd blijft de charterovereenkomst van kracht.
De Infrastructure afdeling focust in 2021 op een versteviging van haar activa en het afsluiten van langetermijn contracten voor de accommodatie barges NUNCE en WARIBOKO .
EXMAR Offshore and DV Offshore zullen zich in de komende jaren focussen op hernieuwbare energie en oplossingen voor koolstofemissies.
2021 belooft weerom een interessant jaar te worden voor EXMAR Shipmanagement met de voorbereiding van het beheer van de twee nieuwe VLGC's.
Wij verzoeken de Algemene Vergadering van Aandeelhouders dit verslag voor het jaar eindi gend op 31 december 2020 in zijn geheel goed te keuren en het resultaat te bestemmen zoals bepaald in dit verslag. Wij verzoeken de vergade ring ook om kwijting te verlenen aan de bestuur ders en de Commissaris voor de uitoefening van hun mandaat tijdens bovenvermeld boekjaar.
De volgende mandaten verlopen bij de Algemene Vergadering:
Barbara Saverys en Nicolas Saverys hebben zich herverkiesbaar gesteld.
Pauline Saverys en Ariane Saverys stellen hun mandaat ter beschikking.
De Raad van Bestuur 19 maart 2021
| GECONSOLIDEERDE BALANS (IN DUIZENDEN USD) |
Toelichting | 31/12/2020 | 31/12/2019 |
|---|---|---|---|
| ACTIVA | |||
| VASTE ACTIVA | 669.749 | 729.745 | |
| Schepen | 561.424 | 576.605 | |
| Schepen | 11 | 528.261 | 561.135 |
| Schepen in aanbouw - vooruitbetalingen | 11 | 33.163 | 15.470 |
| Andere materiële vaste activa | 12 | 1.680 | 1.797 |
| Immateriële activa | 13 | 73 | 195 |
| Gebruiksrechten | 14 | 3.461 | 6.111 |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 15 | 73.298 | 95.557 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 17 | 29.813 | 49.479 |
| VLOTTENDE ACTIVA | 262.176 | 180.022 | |
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | 18 | 10.000 | 11.000 |
| Overige investeringen | 19 | 1.354 | 4.170 |
| Handels- en overige vorderingen | 20 | 143.580 | 43.603 |
| Actuele belastingvorderingen | 21 | 3.472 | 1.353 |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 22 | 75.575 | 67.270 |
| Kas en kasequivalenten | 22 | 28.195 | 52.626 |
| TOTALE ACTIVA | 931.924 | 909.767 | |
| EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | |||
| EIGEN VERMOGEN | 545.917 | 448.940 | |
| Kapitaal en reserves | 545.660 | 448.730 | |
| Kapitaal | 23 | 88.812 | 88.812 |
| Uitgiftepremies | 23 | 209.902 | 209.902 |
| Reserves | 23 | 155.012 | 163.235 |
| Resultaat van het boekjaar | 23 | 91.934 | -13.219 |
| Minderheidsbelang | 257 | 210 | |
| VERPLICHTINGEN OP LANGE TERMIJN | 278.304 | 325.179 | |
| Rentedragende leningen | 25 | 276.588 | 323.582 |
| Personeelsbeloningen | 27 | 1.715 | 1.597 |
| VERPLICHTINGEN OP KORTE TERMIJN | 107.704 | 135.649 | |
| Rentedragende leningen | 25 | 65.031 | 81.851 |
| Handels- en overige schulden | 28 | 37.630 | 48.681 |
| Te betalen winstbelastingen | 21 | 5.043 | 5.116 |
| TOTALE VERPLICHTINGEN | 386.007 | 460.828 | |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 931.924 | 909.767 |
93
De toelichting maakt integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.
12 maanden eindigend 31/12/2020
12 maanden eindigend 31/12/2019
| GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN | |||
|---|---|---|---|
| Opbrengsten | 4 | 285.154 | 136.726 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 4 | 95 | 19.205 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 4 | 1.534 | 2.315 |
| BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 286.783 | 158.245 | |
| Operationele kosten van schepen | 5 | -47.254 | -46.928 |
| Algemene en administratieve kosten | 6 | -31.402 | -30.345 |
| Personeelskosten | 7 | -30.622 | -33.131 |
| Afschrijvingen | 11/12/13/14 | -37.270 | -26.771 |
| Waardeverminderingen | 18 | -1.068 | -5.139 |
| Verlies gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | -4 | -524 | |
| RESULTAAT UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 139.164 | 15.407 | |
| Intrestopbrengsten | 8 | 1.958 | 4.430 |
| Intrestkosten | 8 | -17.568 | -26.611 |
| Andere financiële opbrengsten | 8 | 1.508 | 3.816 |
| Andere financiële kosten | 8 | -14.254 | -7.670 |
| NETTOFINANCIERINGSRESULTAAT | -28.355 | -26.034 | |
| RESULTAAT VOOR BELASTINGEN EN VOOR AANDEEL IN HET RESULTAAT IN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES |
110.809 | -10.627 | |
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en joint ventures, na belastingen | 15 | -17.830 | 1.757 |
| RESULTAAT VOOR BELASTING | 92.980 | -8.870 | |
| Belastingen op het resultaat | 9 | -1.020 | -4.332 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | 91.960 | -13.202 | |
| Toe te rekenen aan: | |||
| Minderheidsbelang | 25 | 16 | |
| Aandeelhouders van de vennootschap | 91.934 | -13.219 | |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | 91.960 | -13.202 | |
| WINST PER AANDEEL (IN USD) | 24 | 1,61 | -0,23 |
| VERWATERDE WINST PER AANDEEL (IN USD) | 24 | 1,61 | -0,23 |
| GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | |||
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | 91.960 | -13.202 | |
| Posten die via de verlies- en winstrekening zijn of kunnen verwerkt worden: | |||
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures, aandeel in niet-gerealiseerde resultaten |
8 | 93 | -3.555 |
| Omrekeningsverschillen | 8 | 5.125 | 409 |
| 5.218 | -3.146 | ||
| Posten die nooit via de verlies- en winstrekening zullen verwerkt worden: | |||
| Herwaardering van toegezegde pensioenverplichting/ actief | 27 | -203 | 2.305 |
| TOTAAL VAN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN VAN DE PERIODE (NA BELASTINGEN) | 5.015 | -841 | |
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | 96.975 | -14.044 | |
| Waarvan: | |||
| Minderheidsbelang | 46 | 13 | |
| Aandeelhouders van de vennootschap | 96.928 | -14.057 | |
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | 96.975 | -14.044 | |
De toelichting maakt integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.
| (IN DUIZENDEN USD) | Toelichting | 12 maanden eindigend 31/12/2020 |
12 maanden eindigend 31/12/2019 |
|---|---|---|---|
| BEDRIJFSACTIVITEITEN | |||
| Resultaat van het boekjaar | 91.960 | -13.202 | |
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en joint ventures, na belastingen | 15 | 17.830 | -1.757 |
| Afschrijvingen | 11/12/13 | 35.303 | 23.071 |
| Afschrijvingen IFRS 16 | 14 | 1.967 | 3.700 |
| Waardeverminderingen | 18 | 1.068 | 5.139 |
| Waardevermindering/ annulatie waardevermindering voor aandelen gewaardeerd aan FVTPL | 8 | 757 | -92 |
| Netto-intrest kosten/(opbrengsten) | 8 | 15.609 | 22.181 |
| Belastingen op het resultaat | 9 | 1.020 | 4.332 |
| Netto winst uit de realisatie van vaste activa | -91 | -18.681 | |
| Ontvangen dividenden | 8 | -121 | -259 |
| Niet-gerealiseerd koersverschil | 8 | 5.162 | 3.930 |
| Verlies op verkoop van overige investeringen | 19 | 607 | 0 |
| BRUTO KASSTROOM UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 171.070 | 28.362 | |
| (Stijging)/daling van de handels- en overige vorderingen | -88.975 | -3.550 | |
| Stijging/(daling) van de handels- en overige schulden | -11.052 | -1.202 | |
| Stijging/(daling) van de voorzieningen en pensioenverplichtingen | -178 | -186 | |
| NETTO KASSTROOM UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN Betaalde intresten |
70.865 -16.020 |
23.424 -23.890 |
|
| Betaalde intresten IFRS 16 | -159 | -1.392 | |
| Ontvangen intresten | 1.957 | 4.457 | |
| Betaalde belastingen | -3.211 | -2.742 | |
| KASSTROOM UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 53.432 | -143 | |
| INVESTERINGSACTIVITEITEN | |||
| Investeringen in schepen en schepen in aanbouw ( *) |
11 | -19.572 | -5.684 |
| Investeringen in andere materiële activa | 12 | -192 | -336 |
| Investeringen in immateriële activa | 13 | -17 | -122 |
| Inkomsten uit de verkoop van schepen en andere materiële vaste activa | 91 | 0 | |
| Verkoop van een joint venture Dividenden ontvangen van investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures |
10 15 |
0 3.814 |
18.667 5.000 |
| Overige ontvangen dividenden | 8 | 121 | 259 |
| Inkomsten uit de verkoop van overige investeringen | 19 | 1.681 | 0 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 17 | -575 | 0 |
| Terugbetalingen van leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 17 | 10.000 | 1.000 |
| KASSTROOM UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN | -4.650 | 18.783 | |
| FINANCIERINGSACTIVITEITEN | |||
| Nieuwe leningen | 25 | 12.802 | 169.393 |
| Terugbetalingen van leningen | 25 | -62.036 | -169.306 |
| Terugbetalingen van leasingschulden IFRS 16 | 25 | -17.382 | -2.600 |
| Betaling van bankvergoedingen/ transactiekosten mbt financieringen | 25 | 0 | -2.857 |
| Stijging in geblokkeerde kasequivalenten | 22 | -48.305 | 0 |
| Daling in geblokkeerde kasequivalen ten KASSTROOM UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN |
22 | 40.000 -74.921 |
0 -5.370 |
| NETTO TOENAME/(AFNAME) IN KAS EN KASEQUIVALENTEN | -26.139 | 13.270 | |
| AANSLUITING VAN DE NETTO TOENAME/(AFNAME) IN KAS EN KASEQUIVALENTEN | |||
| Netto kas en kasequivalenten bij het begin van het boekjaar | 52.626 | 39.837 | |
| Netto toename/(afname) in kas en kasequivalenten | -26.139 | 13.270 | |
| Wisselkoersfluctuaties op kas en kasequivalenten | 1.708 | -481 | |
| NETTO KAS EN KASEQUIVALENTEN OP HET EINDE VAN HET BOEKJAAR | 22 | 28.195 | 52.626 |
De toelichting maakt integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.
( *) De investeringen in schepen en schepen in aanbouw werden gecorrigeerd met het saldo ontvangen van de Korean Development Bank aangaande vooruitbetalingen gemaakt voor 2 VLGC's en investeringen dewelke nog niet betaald werden per 31 december 2019.
| VAN HET EIGEN VERMOGEN (IN DUIZENDEN USD) | Toelichting | Kapitaal | Uitgifte premie |
|---|---|---|---|
| MUTATIEOVERZICHT VAN HET EIGEN VERMOGEN PER 31 DECEMBER 2019 | |||
| OPENING EIGEN VERMOGEN PER 1 JANUARI 2019 | 88.812 | 209.902 | |
| GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | |||
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | |||
| Omrekeningsverschillen | 8 | ||
| Omrekeningsverschillen - aandeel geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 8 | ||
| Wijziging in de reële waarde van cash flow afdekkingen - hedge accounting - aandeel geassocieerde ondernemingen en joint ventures |
8 | ||
| Herwaardering van toegezegde pensioenverplichting /actief | 27 | ||
| TOTAAL VAN DE NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | 0 | 0 | |
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | 0 | 0 | |
| TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS | |||
| Bijdragen en uitkeringen | 23 | ||
| Dividenduitkeringen | 26 | ||
| Aandelenoptieplan | |||
| Wijzigingen in eigendomsbelangen | |||
| Aankoop van minderheidsbelang zonder wijziging in controle | |||
| TOTAAL TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS | 0 | 0 | |
| 31 DECEMBER 2019 | 88.812 | 209.902 | |
| MUTATIEOVERZICHT VAN HET EIGEN VERMOGEN PER 31 DECEMBER 2020 | |||
| OPENING EIGEN VERMOGEN PER 1 JANUARI 2020 | 88.812 | 209.902 | |
| GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | |||
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | |||
| Omrekeningsverschillen | 8 | ||
| Omrekeningsverschillen - aandeel geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 8 | ||
| Wijziging in de reële waarde van cash flow afdekkingen - hedge accounting - aandeel geassocieerde ondernemingen en joint ventures |
8 | ||
| Herwaardering van toegezegde pensioenverplichting /actief | 27 | ||
| TOTAAL VAN DE NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | 0 | 0 | |
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS |
0 | 0 | |
| Bijdragen en uitkeringen | |||
| Dividenduitkeringen | 23 | ||
| Aandelenoptieplan | 26 | ||
| Wijzigingen in eigendomsbelangen | |||
| Aankoop van minderheidsbelang zonder wijziging in controle | |||
| TOTAAL TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS | 0 | 0 | |
| 31 DECEMBER 2020 | 88.812 | 209.902 |
Reserve voor aandelen optieplan
De toelichting maakt integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening.
96
| Overgedragen resultaat |
Reserve voor eigen aandelen |
Omrekenings reserve |
Afdekkings reserve |
Reserve voor aandelen optieplan |
Totaal | Minderheids belang |
Totaal eigen vermogen |
|
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 206.721 | -44.349 | -6.946 | 3.508 | 5.138 | 462.786 | -23 | 462.763 | |
| -13.219 | -13.219 | 16 | -13.202 | |||||
| 412 | 412 | -3 | 409 | |||||
| -69 | -69 | -69 | ||||||
| -3.486 | -3.486 | -3.486 | ||||||
| 2.305 | 2.305 | 2.305 | ||||||
| 2.305 | 0 | 343 | -3.486 | 0 | -838 | -3 | -841 | |
| -10.914 | 0 | 343 | -3.486 | 0 | -14.057 | 13 | -14.044 | |
| 0 | 0 | |||||||
| 0 | ||||||||
| 0 | 220 | 220 | ||||||
| 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 220 | 220 | |
| 195.808 | -44.349 | -6.603 | 22 | 5.138 | 448.730 | 210 | 448.940 | |
| 195.808 | -44.349 | -6.603 | 22 | 5.138 | 448.730 | 210 | 448.940 | |
| 91.934 | 91.934 | 25 | 91.960 | |||||
| 5.104 | 5.104 | 21 | 5.125 413 |
|||||
| 413 | 413 | |||||||
| -320 | -320 | -320 | ||||||
| -203 | -203 | -203 | ||||||
| -203 | 0 | 5.517 | -320 | 0 | 4.994 | 21 | 5.015 | |
| 91.731 | 0 | 5.517 | -320 | 0 | 96.928 | 46 | 96.975 | |
| 0 | 0 0 |
|||||||
| 1.540 | -1.540 | 0 | ||||||
Aankoop van minderheidsbelang zonder wijziging in controle 0 0 TOTAAL TRANSACTIES MET AANDEELHOUDERS 0 0 1.540 0 0 0 -1.540 0 0 0 31 DECEMBER 2020 88.812 209.902 209.902 289.081 -44.349 -1.086 -298 3.598 545.660 257 545.917
EXMAR nv (de "Onderneming") is een beursgenoteerde onderneming (Euronext-EXM) die in België gedomicilieerd is. De geconsolideerde jaarrekening van de Onderneming omvat de Onderneming, haar dochterondernemingen en de belangen van de Groep in geassocieerde ondernemingen en ondernemingen waarover gezamenlijke controle wordt uitgeoefend (gezamenlijk de "Groep" genoemd). De Groep is actief in de internationale scheepvaart.
De geconsolideerde jaarrekening wordt opgemaakt in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) uitgegeven door de International Accounting Standards Board (IASB) zoals aanvaard binnen de Europese Unie op 31 december 2020.
De groep heeft Definitie van een Bedrijf voor het eerst toegepast vanaf 1 januari 2020.
De Groep heeft Definitie van een Bedrijf (wijzigingen in IFRS 3) toegepast op bedrijfscombinaties waarvan de overnamedatum op of na 1 januari 2020 valt bij de beoordeling of de Groep een bedrijf of een groep activa heeft overgenomen. De details van de grondslagen voor financiële verslaggeving worden hieronder uiteengezet onder bedrijfscombinaties.
De geconsolideerde jaarrekening van de Groep houdt ook rekening met de impact van een aantal herwerkte IFRS standaarden en interpretaties welke van toepassing zijn vanaf 1 januari 2020. Deze herwerkingen hebben geen significante invloed gehad op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep.
Een aantal nieuwe standaarden, wijzigingen aan standaarden en interpretaties die per 31 december 2020 nog niet effectief waren, worden niet toegepast door de Groep bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening. Deze nieuwe of gewijzigde standaarden of interpretaties zullen naar alle verwachting geen significante invloed hebben op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep:
De Raad van Bestuur van 19 maart 2021 heeft de geconsolideerde jaarrekening goedgekeurd en de toestemming verleend tot publicatie ervan.
De geconsolideerde rekeningen worden opgemaakt in USD ingevolge de bekomen afwijking verleend door Financial Services and Markets Authority (FSMA) bij brief van 2 juli 2003, afgerond naar het dichtstbijzijnde duizendtal. USD is de functionele munt van de onderneming. De jaarrekening is opgesteld op basis van historische kostprijs, met uitzondering van de volgende materiële activa en verplichtingen dewelke zijn gewaardeerd tegen een alternatieve basis op iedere balansdatum: afgeleide financiële instrumenten, overige investeringen (aandelen gewaardeerd aan FVTPL) en de netto pensioenvoorziening aangaande te bereiken doel plannen. De voor verkoop aangehouden vaste activa worden gewaardeerd aan de laagste waarde, hetzij de boekwaarde, hetzij de reële waarde verminderd met de verkoopkost.
Bij de opmaak van de jaarrekening in overeenstemming met IFRS is vereist dat de leiding beoordelingen, schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van de waarderingsregels en de gerapporteerde bedragen van activa en passiva, opbrengsten en kosten. De ramingen en de hiermee verbonden veronderstellingen zijn gebaseerd op historische gegevens en verschillende andere factoren die gegeven de omstandigheden als redelijk worden beschouwd. De uiteindelijke resultaten kunnen verschillen van deze ramingen.
De ramingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend herzien. Herzieningen van de ramingen worden verwerkt in de periode waarin de raming wordt herzien, op voorwaarde dat de herziening alleen op die periode betrekking heeft, of in de periode van de herziening en toekomstige periodes, indien de herziening zowel de huidige als toekomstige periodes treft.
Bij de opstelling van de jaarrekening heeft de Onderneming inschattingen en veronderstellingen gemaakt op het vlak van assumpties voor de bepaling van de reële waarde van het optieplan, de pensioenschuld, voorzieningen en risico's en de classificatie van nieuwe leasingovereenkomsten en time charter overeenkomsten. Bovendien worden de economische levensduur en de residuele waarde van de schepen jaarlijks getoetst aan de realiteit.
Aangezien de marktwaarden van tweedehands schepen fluctueren naargelang de evolutie van de vrachttarieven en de kostprijs van nieuwbouwschepen, geeft de boekwaarde van de schepen mogelijk niet de huidige marktwaarde weer. Historisch gezien zijn zowel vrachttarieven als kostprijzen van schepen cyclisch. Telkens er zich wijzigingen in omstandigheden of feiten voordoen die erop kunnen wijzen dat de boekwaarde van een vloot niet gerecupereerd zal worden, wordt de boekwaarde van die vloot bekeken in het kader van mogelijke afwaardering. De realiseerbare waarde van de vloot is de hoogste waarde van de reële waarde verminderd met de verkoopskosten en de gebruikswaarde. De reële waarde verminderd met de verkoopskosten wordt bepaald op basis van onafhankelijke waarderingsrapporten. De gebruikswaarde is gebaseerd op de verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tot hun huidige waarde. Om de inschatting van de toekomstige kasstromen te bepalen, wordt gebruik gemaakt van inschattingen van toekomstige vrachttarieven, operationele kosten van de schepen, verwachte levensduur van de vloot en de WACC. Deze inschattingen zijn gebaseerd op historische gegevens en toekomstverwachtingen. De directie is van mening, dat de inschattingen een betrouwbare basis zijn voor haar huidige beoordeling maar is zich bewust van de subjectiviteit en veranderlijkheid ervan.
Een aantal van de waarderingsregels en toelichtingen van de Groep vereisen de waardering aan reële waarde voor zowel financiële als niet financiële activa en verplichtingen. Voor de bepaling van de reële waarde gebruikt de Groep observeerbare markt gegevens voor zover als mogelijk. Reële waarden worden opgedeeld in verschillende niveaus in een reële waarde hiërarchie gebaseerd op de gebruikte input in de waarderingsmethoden:
De groep heeft de waarderingsregels consequent toegepast op alle perioden die in de geconsolideerde jaarrekening worden gepresenteerd, tenzij anders vermeld (zie ook deel B hierboven met betrekking tot bedrijfscombinaties en deel F hieronder met betrekking tot materiële vaste activa).
Bedrijfscombinaties worden verwerkt op basis van de overnamemethode op overnamedatum, zijnde de datum waarop de zeggenschap overgaat naar de Groep.
Om te bepalen of een bepaalde reeks van activiteiten en activa een bedrijf is, beoordeelt de Groep of de verworven reeks van activa en activiteiten ten minste een input en een substantief proces omvat en of de verworven reeks de mogelijkheid heeft om outputs te produceren.
De Groep heeft de optie om een 'concentratietest' toe te passen die een vereenvoudigde beoordeling mogelijk maakt of een verworven reeks van activiteiten en activa geen bedrijf is. Aan de facultactieve concentratietoets is voldaan indien nagenoeg de gehele reële waarde van de verworven bruto-activa geconcentreerd is in één identificeerbaar actief of groep van soortgelijke identificeerbare activa.
De overgedragen vergoeding in de acquisitie wordt over het algemeen gemeten aan reële waarde, zowel als de identificeerbare netto verworven activa en aangegane verplichtingen. Enige goodwill dat ontstaat uit de acquisitie wordt jaarlijks getest voor een bijzondere waardevermindering. Indien het verschil negatief is, wordt onmiddellijk een boekwinst uit een voordelige koop in de winst- en verliesrekening opgenomen. Transactiekosten worden onmiddellijk ten laste genomen in de resultatenrekening, tenzij de kosten verband houden met de uitgifte van aandelen of obligaties.
De overgedragen vergoeding omvat geen bedragen in verband met de afwikkeling van bestaande relaties.
De reële waarde van een voorwaardelijke vergoeding wordt op overnamedatum opgenomen. Indien die voorwaardelijke vergoeding wordt geclassificeerd als eigen vermogen, vindt geen latere herwaardering plaats en wordt de afwikkeling verantwoord binnen het eigen vermogen. In het andere geval worden wijzigingen na eerste opname in de winst- en verliesrekening opgenomen.
De dochterondernemingen zijn die welke door de Groep worden gecontroleerd. Controle bestaat wanneer de onderneming is blootgesteld aan, dan wel recht heeft op, variabele rendementen en het vermogen heeft die rendementen te beïnvloeden aan de hand van haar controle over de entiteit.
De financiële staten van de dochterondernemingen worden integraal in de consolidatie opgenomen vanaf de datum van verwerving tot het einde van de controle. Alle openstaande posten en opbrengsten en kosten, niet gerealiseerde winsten en verliezen en dividenden die het resultaat zijn van transacties tussen ondernemingen van de Groep worden volledig geëlimineerd.
Bij verlies van zeggenschap worden de activa en verplichtingen van de dochteronderneming, eventuele minderheidsbelangen en overige met de dochteronderneming samenhangende vermogenscomponenten niet langer in de balans opgenomen. Het eventuele overschot of tekort op het verlies van zeggenschap wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening. Indien de Groep een belang behoudt in de voormalige dochteronderneming, wordt dat belang tegen de reële waarde verantwoord vanaf de datum dat niet langer sprake was van zeggenschap.
Een geassocieerde onderneming is een onderneming waarin de Onderneming een invloed van betekenis, doch geen controle heeft op het financiële en operationele beleid. Een invloed van betekenis wordt verondersteld wanneer de Groep tussen 20 en 50% van de stemrechten bezit.
Een joint venture is een overeenkomst waarin de Groep gezamenlijke controle heeft en waar de Groep rechten heeft op het eigen vermogen van de overeenkomst rekening houdende met de rechten van de groep in de rechten en plichten van de overeenkomst.
De geassocieerde ondernemingen en joint ventures worden via de vermogensmutatiemethode opgenomen in de consolidatie en bij eerste opname gewaardeerd aan kostprijs. De kostprijs van de investering omvat transactiekosten. De investering van de Groep in de geassocieerde ondernemingen en joint ventures omvat de goodwill bepaald bij aanschaf, verminderd met eventuele cumulatieve bijzondere waardeverminderingen. De geconsolideerde jaarrekening omvat het aandeel van de Groep in het resultaat en in de bewegingen in het eigen vermogen van de geassocieerde ondernemingen en joint ventures, vanaf het moment dat deze belangrijke invloed of gezamenlijke controle ontstaat tot het moment dat deze invloed of gezamenlijke controle ophoudt.
Wanneer het aandeel van de Groep in het verlies van de geassocieerde onderneming of joint venture de investering in deze onderneming overstijgt, wordt de investering tot nul herleid, en wordt de erkenning van toekomstige verliezen gestaakt, behalve wanneer de Groep de verplichting heeft om betalingen te verrichten voor rekening van de geassocieerde onderneming of joint venture. In dit geval wordt deze verplichting eerst toegewezen aan andere elementen van de investering in de geassocieerde onderneming of joint venture (leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures). Indien de negatieve investering de totale investering overschrijdt, wordt een verplichting erkend voor het netto bedrag. Niet-gerealiseerde winsten uit hoofde van transacties met investeringen verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode worden geëlimineerd naar rato van het belang dat de Groep in de geassocieerde onderneming of joint venture heeft. Nietgerealiseerde verliezen worden op dezelfde wijze geëlimineerd als niet-gerealiseerde winsten, maar slechts voor zover er geen aanwijzing is voor een bijzondere waardevermindering.
In de individuele ondernemingen worden de transacties in vreemde valuta omgerekend tegen de geldende wisselkoers op transactiedatum. Monetaire activa en passiva uitgedrukt in vreemde valuta op balansdatum worden omgezet naar USD tegen de wisselkoers op balansdatum. De niet-monetaire activa en passiva gewaardeerd aan historische kost worden omgerekend naar USD aan de koers van de initiële transactie. Niet-monetaire activa en passiva gewaardeerd tegen reële waarde worden omgerekend naar USD tegen de koers op moment ter bepaling van de reële waarde. Wisselkoerswinsten en -verliezen worden in de resultatenrekening geboekt, behalve voor de kasstroomafdekkingen (voor zover deze afdekkingen effectief zijn), welke in het eigen vermogen worden erkend.
Activa en passiva van activiteiten in vreemde munt, met inbegrip van goodwill en reële waardeaanpassingen bij aanschaffing, worden omgerekend naar USD tegen de slotkoers op de balansdatum. Opbrengsten en kosten worden omgerekend in USD aan de transactiekoers (de gemiddelde wisselkoers van de betreffende periode wordt gehanteerd op voorwaarde dat deze koers niet te veel afwijkt van de transactiekoers). De wisselkoersverschillen die hieruit voortvloeien worden opgenomen in de rubriek "omrekeningsverschillen" in het eigen vermogen. Het bedrag dat toewijsbaar is aan minderheidsbelangen wordt opgenomen als deel van de minderheidsbelangen. Indien een buitenlandse activiteit wordt verkocht in die zin dat de Groep de zeggenschap, invloed van betekenis dan wel gezamenlijke zeggenschap verliest, wordt het in verband met deze buitenlandse activiteit cumulatief opgebouwde bedrag overgeboekt naar de winst- en verliesrekening als onderdeel van de winst of het verlies bij de verkoop. Indien de Groep slechts een deel van het belang in een dochter die een buitenlandse activiteit omvat verkoopt terwijl de Groep wel zeggenschap houdt, wordt het betreffende evenredige aandeel in het cumulatieve bedrag toegerekend aan minderheidsbelangen. Indien de Groep slechts een deel van het belang in een geassocieerde deelneming of joint venture die een buitenlandse activiteit omvat verkoopt terwijl de Groep wel invloed van betekenis of gezamenlijke zeggenschap houdt, wordt het betreffende evenredige aandeel in het cumulatieve bedrag overgeboekt naar de winst- en verliesrekening.
Financiële activa en financiële verplichtingen worden erkend in de geconsolideerde balans wanneer de Groep partij wordt aan de contractuele bepalingen van het instrument.
Financiële activa en financiële verplichtingen worden initieel gewaardeerd aan reële waarde. Transactiekosten die direct toewijsbaar zijn aan de aanschaffing of uitgifte van financiële activa en financiële verplichtingen (andere dan financiële activa en financiële verplichtingen met verwerking van waardeveranderingen door het overzicht van gerealiseerde resultaten) worden toegevoegd of worden afgetrokken van de reële waarde van de financiële activa of financiële verplichtingen, al naargelang het geval, bij initiële erkenning. Transactiekosten die direct toewijsbaar zijn aan financiële activa of financiële verplichtingen met verwerking van waardeveranderingen door het overzicht van gerealiseerde resultaten worden onmiddellijk erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten.
Alle aankopen of verkopen volgens standaard marktconventies van financiële activa worden erkend op transactiedatum. Aankopen of verkopen volgens standaard marktconventies zijn aankopen of verkopen van financiële activa dewelke levering van activa vereisen binnen het tijdsbestek vastgesteld door wetgeving of conventie in de markt.
Schuldinstrumenten dat voldoen aan onderstaande voorwaarden worden daaropvolgend gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs.
Schuldinstrumenten dat voldoen aan onderstaande voorwaarden worden vervolgens gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van de waardeveranderingen door het overzicht van nietgerealiseerde resultaten (FVTOCI):
Standaard worden alle andere financiële activa vervolgens gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van de waardeveranderingen door het overzicht van gerealiseerde resultaten (FVTPL).
Ondanks voorgaande bepalingen kan de Groep onderstaande onherroepelijke keuzes maken bij initiële erkenning van een financieel actief:
Alle erkende financiële activa worden vervolgens in hun geheel gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs of reële waarde, afhankelijk van de classificatie van de financiële activa.
Deze activa worden vervolgens gewaardeerd aan de geamortiseerde kostprijs volgens de effectieve intrest methode. De geamortiseerde kostprijs wordt verminderd met bijzondere waardeverminderingen. Intrest inkomsten, vreemde valuta resultaten en bijzondere waardeverminderingen worden erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten.
Deze activa worden vervolgens gewaardeerd aan reële waarde. Intrest inkomsten worden berekend volgens de effectieve intrest methode, vreemde valuta resultaten en bijzondere waardeverminderingen worden erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten.
Deze activa worden vervolgens gewaardeerd aan reële waarde. Dividenden worden erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten tenzij deze dividenden duidelijk een recuperatie vertegenwoordigen van een deel van de kostprijs van de investering. Overige winsten en verliezen worden erkend in het overzicht van niet-gerealiseerde resultaten (OCI) en worden nooit geherclasseerd naar het overzicht van gerealiseerde resultaten.
Deze activa worden vervolgens gewaardeerd aan reële waarde. Netto winsten of verliezen, inclusief intrest inkomsten of ontvangen dividenden worden erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten. Zie echter het gedeelte over afgeleide financiële instrumenten en hedge accounting voor instrumenten aangeduid als afdekkingsinstrument.
De Groep neemt een financieel actief niet langer in de balans op wanneer het recht op de kasinstroom van dit actief vervalt of verkocht wordt in een transactie waarbij alle risico's en voordelen verbonden aan de eigendom van het actief overgegaan zijn naar de koper, of wanneer ze niet alle voordelen en risico's verbonden aan de eigendom van het actief verkoopt noch behoudt en controle verliest over het getransfereerde actief. Elke resterend belang in dergelijke getransfereerde financiële activa dat gecreëerd of aangehouden wordt door de Groep wordt als afzonderlijk actief of passiva geboekt.
Financiële verplichtingen worden geclassificeerd als gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs of FVTPL. Een financiële verplichting wordt geclassificeerd als FVTPL wanneer het geclassificeerd wordt als aangehouden voor verkoop, het een derivaat is of aangewezen wordt als derivaat bij initiële erkenning. Financiële verplichtingen gewaardeerd aan FVTPL worden initieel gewaardeerd aan reële waarde en netto winsten en verliezen, inclusief intrestkosten, worden erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten. Andere financiële verplichtingen worden vervolgens gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve intrestmethode. Intrestkosten en vreemde valuta resultaten worden erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten. Alle winsten of verliezen gerealiseerd als gevolg van het niet langer opnemen in de balans van de financiële verplichtingen, wordt erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten.
Zie sectie afgeleide financiële instrumenten en hedge accounting voor instrumenten aangeduid als afdekkingsinstrument.
De Groep neemt een financiële verplichting niet langer op in de balans wanneer de contractuele verplichtingen worden beëindigd, geannuleerd of vervallen. De Groep neemt een financiële verplichting eveneens niet langer op in de balans wanneer de voorwaarden gewijzigd worden en de kasstromen van de gewijzigde financiële verplichting substantieel verschillen. In dit geval wordt een nieuwe financiële verplichting geregistreerd gebaseerd op de gewijzigde voorwaarden aan reële waarde.
Bij uitboeking van een financiële verplichting, wordt het verschil tussen de boekwaarde en het betaalde bedrag (inclusief enige niet-cash getransfereerde activa of overgenomen schulden) erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten.
Financiële activa en passiva worden gecompenseerd enkel en alleen wanneer de Groep een wettelijk recht heeft om de bedragen te compenseren en van plan is om de financiële activa en passiva op een netto basis af te wikkelen of om gelijktijdig het actief te realiseren en de schuld af te lossen .
Gewone aandelen maken deel uit van het eigen vermogen. Kosten verbonden aan de uitgifte van aandelen en aandelenopties worden, netto van tax effect, in mindering gebracht van het eigen vermogen. Wanneer de groep eigen aandelen koopt wordt het bedrag aan aankoopprijs, vermeerderd met direct toewijsbare aankoopkosten na belasting in mindering gebracht van het eigen vermogen. Bij de verkoop van eigen aandelen, wordt het ontvangen bedrag verwerkt als een verhoging van het eigen vermogen en het surplus of tekort op de transactie wordt opgenomen in het overgedragen resultaat.
De Groep maakt gebruik van afgeleide financiële instrumenten voor het beheer van haar wisselkoers- en renterisico dat voortvloeit uit de operationele, financiële en investeringsactiviteiten. In contracten besloten derivaten worden afgescheiden van het basiscontract en afzonderlijk verwerkt op voorwaarde dat het basiscontract geen financieel actief is en er aan bepaalde voorwaarden voldaan wordt.
Afgeleide financiële instrumenten worden aanvankelijk gewaardeerd aan reële waarde op het ogenblik dat het derivatencontract afgesloten wordt. Na aanvang worden de afgeleide financiële instrumenten aan reële waarde geboekt. Wijzigingen in deze "reële" waarde worden algemeen gezien in het overzicht van gerealiseerde resultaten geboekt.
De Groep erkent bepaalde afgeleid financieel instrumenten als afdekkingsinstrument ter afdekking van variabiliteit in kasstromen geassocieerd met hoogst waarschijnlijke verwachte transacties als gevolg van wijzigingen in wisselkoersen en rentevoeten en bepaalde derivaten en niet-afgeleide financiële schulden als indekking van het wisselkoersrisico van een netto investering in een buitenlandse entiteit.
Bij aanvang documenteert de Groep op formele wijze de objectieven ter beheersing van het risico en de strategie met betrekking tot het aangaan van de transactie. De Groep documenteert eveneens de relatie tussen het afdekkingsinstrument en de afdekkingstransactie, inclusief of de wijzigingen in kasstromen elkaar verwachten te neutraliseren.
Wanneer een afgeleid financieel instrument werd erkend als kasstroomafdekkingsinstrument, wordt het effectieve deel van de wijziging in reële waarde in het eigen vermogen erkend als afdekkingsreserve. Het effectieve deel van wijzigingen in de reële waarde van het derivaat dat erkend wordt in OCI is beperkt tot de cumulatieve wijzigingen in de reële waarde van de afgedekte positie, gebaseerd op een contante waarde basis. Het niet-effectieve deel van de wijziging in de reële waarde wordt onmiddellijk in de resultatenrekening erkend. Het bedrag dat in het eigen vermogen werd opgenomen wordt in de resultatenrekening erkend op het moment dat de afgedekte kasstromen de resultatenrekening beïnvloeden.
Wanneer niet langer voldaan wordt aan de criteria voor afdekkingstransacties of wanneer het afdekkingsinstrument wordt uitgeoefend, beëindigd, verkocht of vervalt, wordt "hedge accounting" prospectief beëindigd. Het cumulatief bedrag dat voorheen werd erkend in het eigen vermogen wordt daar behouden totdat de afdekkingstransactie de resultatenrekening beïnvloedt. Wanneer de afdekkingstransactie niet langer verwacht wordt zich voor te doen, dan wordt het geaccumuleerde bedrag in het eigen vermogen verwerkt via de resultatenrekening.
Goodwill die voortvloeit uit de verwerving van dochterondernemingen wordt verantwoord onder immateriële activa.
Voor overnames op of na 1 januari 2010 bepaalt de Groep de goodwill bij acquisitie als de reële waarde van de overgedragen vergoeding, vermeerderd met het opgenomen bedrag van eventuele minderheidsbelangen in de overgenomen partij; plus indien de bedrijfscombinatie in fasen plaatsvindt, de reële waarde van het voorafgaande belang in de overgenomen partij; verminderd met het reeds erkende nettobedrag (over het algemeen de reële waarde) van de identificeerbare verworven activa en aangegane verplichtingen. Indien het verschil negatief is, wordt onmiddellijk een boekwinst uit een voordelige koop in de winst- en verliesrekening opgenomen. In de overgedragen vergoeding is geen bedrag begrepen voor de afwikkeling van bestaande relaties. Een dergelijk bedrag wordt in het algemeen in de winst- en verliesrekening opgenomen. Door de Groep gemaakte kosten in verband met een bedrijfscombinatie, niet zijnde kosten in verband met de uitgifte van aandelen of obligaties, worden opgenomen in de winst- en verliesrekening wanneer zij worden gemaakt. De reële waarde van een voorwaardelijke vergoeding wordt op overnamedatum opgenomen. Indien die voorwaardelijke vergoeding wordt geclassificeerd als eigen vermogen, vindt geen latere herwaardering plaats en wordt de afwikkeling verantwoord binnen het eigen vermogen. In het andere geval worden wijzigingen na eerste opname in de winst- en verliesrekening opgenomen.
Na aanvang wordt goodwill gewaardeerd aan kostprijs, verminderd met eventuele waardeverminderingen. Voor wat betreft de geassocieerde ondernemingen en joint ventures, wordt de boekwaarde van de goodwill opgenomen in de boekwaarde van de investering. Een bijzonder waardeverminderingsverlies op een dergelijke investering wordt toegerekend aan de boekwaarde van de investering verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode.
Kosten van onderzoek met betrekking tot de ontwikkeling van nieuwe technologische kennis worden in de resultatenrekening erkend wanneer zij worden gemaakt.
Er is sprake van ontwikkelingsactiviteiten wanneer een plan of ontwerp voor de productie van nieuwe producten of processen voor handen is. Kosten met betrekking tot ontwikkeling worden geactiveerd enkel als de kosten op een redelijke basis kunnen worden ingeschat, het product of proces commercieel en technisch realiseerbaar is, toekomstige kasinstromen waarschijnlijk zijn en de groep de intentie heeft om de ontwikkeling te voltooien en het actief te gebruiken of te verkopen en daartoe ook de nodige middelen heeft. Geactiveerde kosten van ontwikkeling worden gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingsverliezen.
Andere immateriële activa (o.a. software) door de Groep verworven, worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingsverliezen voor zover deze immateriële activa een beperkte gebruiksduur hebben. De afschrijvingen worden volgens de lineaire methode in de winst- en verliesrekening opgenomen gespreid over de geschatte gebruiksduur. Zij worden afgeschreven vanaf de datum dat ze beschikbaar zijn voor gebruik. Afschrijvingsmethodes, gebruiksduur en residuele waarden worden jaarlijks getoetst om na te gaan of ze nog gepast zijn.
Immateriële activa met een onbeperkte gebruiksduur of immateriële activa die nog niet beschikbaar zijn voor gebruik, worden jaarlijks onderworpen aan een bijzondere waardeverminderingstest.
Bijkomende kosten worden uitsluitend geactiveerd wanneer hierdoor de toekomstige economische voordelen toenemen die zijn besloten in het specifieke actief waarop de uitgaven betrekking hebben. Alle overige uitgaven worden verwerkt in de resultatenrekening wanneer zij zich voordoen.
Materiële vaste activa worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingsverliezen. De aanschaffingswaarde omvat de uitgaven die direct verbonden zijn aan de aankoop van de betreffende activa. De aanschaffingswaarde voor zelf vervaardigde activa omvat de kostprijs van materialen, de rechtstreekse loonkost, andere kosten, direct toewijsbaar aan het gebruiksklaar maken van het activa en financieringskosten die rechtstreeks zijn toe te rekenen aan de verwerving van de activa.
Bijkomende kosten met betrekking tot de materiële vaste activa worden enkel geactiveerd wanneer deze kosten resulteren in een toekomstig rendement en de kosten op een redelijke basis kunnen bepaald worden. Wanneer een onderdeel van materiële vaste activa wordt vervangen, wordt de vervangingskost geactiveerd en de netto boekwaarde van het vervangen deel uitgeboekt. Kosten met betrekking tot de dagdagelijkse werking van materiële vaste activa worden in de resultatenrekening opgenomen wanneer zij worden gemaakt.
Wanneer delen van materiële vaste activa een verschillende gebruiksduur hebben, worden ze als afzonderlijke delen erkend binnen het materiële vaste actief.
De afschrijvingen worden berekend op het afschrijfbaar bedrag, zijnde de kostprijs van het actief, verminderd met de residuele waarde.
Schepen of platformen in aanbouw worden apart geclassificeerd in de geconsolideerde balans onder schepen in aanbouw. Deze schepen in aanbouw worden niet afgeschreven, de afschrijvingen starten op het moment dat de schepen geleverd worden. Vanaf het moment van levering, worden de schepen niet langer opgenomen als schepen in aanbouw. Het ondernemingsmodel van de Groep is erop gericht om activa te verhuren of zelf te exploiteren.
Schepen worden lineair afgeschreven in overeenstemming met hun geschatte gebruiksduur binnen de Groep tot hun residuele waarde. De residuele waarde bedraagt USD 0 voor alle schepen en platformen.
Voor de vloot met druktanks hebben de huidige marktomstandigheden het management ertoe gebracht de levensduur van deze vloot opnieuw te evalueren en deze vanaf 2020 terug te brengen van 30 jaar tot 20 jaar.
| Gasschepen LPG met druktanks | 20 jaar |
|---|---|
| Gasschepen LPG; | 30 jaar |
| Gasschepen LNG; | 35 jaar |
| LNG platform | 30 jaar |
| Accommodatie platform 2e hands; | 10-12 jaar |
| Accommodatieplatform nieuwbouw: | |
| - romp, machines & dek uitrusting | 20 jaar |
| - accommodatie | 10 jaar |
Droogdokkosten worden geactiveerd wanneer ze worden uitgevoerd en afgeschreven over de periode tot het volgende droogdok.
De overige materiële vaste activa worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de geschatte gebruiksduur van het actief. Terreinen worden niet afgeschreven.
De geschatte afschrijvingspercentages van de verschillende types activa zijn als volgt:
| Gebouwen | 3% |
|---|---|
| Onroerende leasing | 3% |
| Machines en uitrusting | 20% |
| Meubilair | 10% |
| Auto's | 20% |
| Vliegtuig | 10% |
| Informaticamaterieel | 33% |
De afschrijvingsmethode, residuele waarde en gebruiksduur worden bij iedere jaarafsluiting opnieuw bekeken en aangepast indien nodig.
Tegen geamortiseerde kostprijs gewaardeerde financiële activa
Voor deze activa wordt op balansdatum beoordeeld of het kredietrisico significant gestegen is sinds initiële erkenning. Bijzondere waardeverminderingen worden gemeten volgens een bedrag gelijk aan levenslang verwachte kredietverliezen. (lifetime expected credit losses – ECL's). Tijdens de beoordeling of het kredietrisico van een financieel actief significant gestegen is sinds initiële erkenning en tijdens de inschatting van ECL's, houdt de Groep rekening met redelijke en gefundeerde informatie dewelke relevant en beschikbaar is zonder onnodige kost en/of moeite. Dit omvat zowel kwantitatieve als kwalitatieve informatie en analyse gebaseerd op de historische ervaring van de Groep en geïnformeerde kredietwaardigheidsinformatie en inclusief toekomstgerichte informatie.
Bijzondere waardeverminderingsverliezen op deelnemingen verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode worden in overeenstemming met IAS 39 bepaald door vergelijking van de realiseerbare waarde van de deelneming met zijn boekwaarde. Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt verwerkt in de winst of het verlies en wordt teruggenomen in geval van een positieve verandering in de schattingen die worden gebruikt ter bepaling van de realiseerbare waarde.
De boekwaarden van niet financiële activa, uitgezonderd uitgestelde belastingvorderingen, worden op iedere balansdatum getoetst om na te gaan of er aanwijzingen zijn dat zij mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan. Indien dergelijke aanwijzingen bestaan, wordt een schatting gemaakt van de realiseerbare waarde van het actief.
Voor goodwill, activa met een onbepaalde gebruiksduur en immateriële activa die nog niet gebruiksklaar zijn, wordt op iedere balansdatum de realiseerbare waarde geschat.
De realiseerbare waarde is de hoogste waarde van de gebruikswaarde en de reële waarde verminderd met verkoopkosten. Om de gebruikswaarde te bepalen, worden de verwachte toekomstige kasstromen gedisconteerd tot hun huidige waarde met behulp van een disconteringsvoet voor belastingen die zowel de actuele marktbeoordeling van de tijdwaarde van geld en de risico's inherent aan het actief weergeeft. In het kader van deze analyse worden activa, die niet op individuele basis getoetst kunnen worden, toegewezen aan de kleinste groep van activa die kasstromen genereren van voortdurend gebruik die grotendeels onafhankelijk zijn van de kasstromen van andere activa of groep van activa ("de kasstroom genererende eenheid").
De goodwill ten gevolge van de aankoop van een dochteronderneming of joint venture wordt, met het oog op het testen voor waardeverminderingen, toegewezen aan de kasstroom genererende eenheid die het meeste voordeel heeft van de aankoop van de onderneming.
Er wordt een bijzondere waardevermindering opgenomen wanneer de boekwaarde van een actief of de kasstroom genererende eenheid waartoe het actief behoort, hoger is dan de realiseerbare waarde. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden in de resultatenrekening opgenomen.
Waardeverminderingen erkend met betrekking tot kasstroom genererende eenheden worden eerst toegerekend aan de boekwaarde van de goodwill en daarna aan de andere activa van de eenheid op een pro rata basis.
Met betrekking tot goodwill worden bijzondere waardeverminderingsverliezen niet teruggenomen. Met betrekking tot andere activa wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies teruggenomen indien er zich een wijziging heeft voorgedaan in de gehanteerde schattingen bij het bepalen van de realiseerbare waarde waaruit blijkt dat het verlies verminderd is of niet meer bestaat. Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt enkel teruggenomen voorzover de boekwaarde van het actief niet hoger is dan de boekwaarde die bekomen zou zijn, na afschrijvingen, indien geen bijzonder waardeverminderingsverlies zou zijn geboekt.
Vaste activa of een groep van vaste activa die worden afgestoten worden geclassificeerd als aangehouden voor verkoop indien de boekwaarde hoofdzakelijk door een verkooptransactie zal worden gerealiseerd en niet door het voortgezette gebruik ervan.
Onmiddellijk voordat het actief voor het eerst wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, wordt de waardering van het actief herzien op basis van de waarderingsregels van de Groep. Nadien worden de activa gewaardeerd tegen het laagste van de boekwaarde en de reële waarde van het activa, verminderd met verkoopkosten. Een bijzonder waardeverminderingsverlies op een groep af te stoten activa en verplichtingen wordt in eerste instantie toegerekend aan goodwill en vervolgens naar rato aan de resterende activa en verplichtingen, met dien verstande dat geen bijzonder waardeverminderingsverlies wordt toegerekend aan activa die niet in de scope zijn van IFRS 5 (dewelke blijven gewaardeerd worden op basis van de overige waarderingsregels van de Groep). Immateriële activa, materiële vaste activa en vastgoedbeleggingen worden vervolgens niet langer afgeschreven. Verder wordt ook de vermogensmutatie niet langer toegepast na herklassificatie voor geassocieerde deelnemingen en joint ventures.
Verplichtingen met betrekking tot toegezegde bijdrageregelingen worden geboekt als een kost in de resultatenrekening wanneer ze zich voordoen.
Toegezegde pensioenregelingen ("te bereiken doel-plan") De netto verplichting van de Groep uit hoofde van toegezegde pensioenregelingen wordt voor iedere regeling afzonderlijk berekend door een schatting te maken van de pensioen aanspraken die werknemers hebben opgebouwd in de verslagperiode en voorgaande perioden, waarbij dat bedrag contant wordt gemaakt en verminderd met de reële waarde van de fondsbeleggingen. De berekening van toegezegde pensioenverplichtingen wordt jaarlijks uitgevoerd door een gekwalificeerde actuaris volgens de 'projected unit credit'-methode. Wanneer de berekening resulteert in een positief saldo voor de Groep, wordt de opname van het actief beperkt tot een bedrag dat maximaal gelijk is aan de contante waarde van economische voordelen in de vorm van eventuele toekomstige terugstortingen door het fonds of lagere toekomstige pensioenpremies. Bij de berekening van de contante waarde van economische voordelen wordt rekening gehouden met minimale financieringsverplichtingen die van toepassing zijn op de afzonderlijke regelingen van de Groep.
Herwaarderingen van de netto-toegezegde pensioenverplichting, die bestaan uit actuariële winsten en verliezen, het rendement op fondsbeleggingen (exclusief rente) en het effect van het actiefplafond (indien aanwezig, exclusief rente), worden direct verwerkt in niet-gerealiseerde resultaten. De Groep bepaalt de netto rentelast (-bate) op de netto-toegezegde pensioenverplichting (het actief) over de verslagperiode door de disconteringsvoet die is gebruikt voor het bepalen van de toegezegde pensioenverplichting aan het begin van de het jaar, toe te passen op de toenmalige nettotoegezegde pensioenverplichting (actief), rekening houdend met eventuele wijzigingen in de netto toegezegde pensioenverplichting (actief) gedurende de periode als gevolg van bijdragen en uitkeringen. Nettorentelasten en overige lasten met betrekking tot toegezegde pensioenregelingen worden verwerkt in het resultaat.
De Groep verantwoordt winsten of verliezen op de inperking of afwikkeling van een toegezegde-pensioenregeling op het moment dat de inperking of afwikkeling plaatsvindt. De winst of het verlies op inperking of afwikkeling omvat eventuele hieruit voortvloeiende wijzigingen in de reële waarde van de fondsbeleggingen en wijzigingen in de contante waarde van de verplichting uit hoofde van toegezegde pensioenrechten en pensioenkosten van verstreken diensttijd die nog niet eerder waren opgenomen.
Belgische toegezegde bijdrageregelingen vallen onder toepassingsgebied van de Wet van 28 april 2003 op de aanvullende pensioenen, kort WAP genoemd. Volgens artikel 24 van deze wet is de werkgever verplicht een minimum rendement van 3,75% op de persoonlijke bijdragen van de werknemer en 3,25% op de bijdragen van de werkgever te garanderen. Artikel 24 van de WAP verplicht de werkgever om op datum van de beëindiging van het plan de bijdragen gekapitaliseerd aan voornoemde vooropgestelde rendementen te garanderen en dit voor stortingen tot en met 31/12/2015. Vanaf januari 2016 dient de werkgever een gemiddeld minimum rendement van 1,75% te garanderen op zowel werknemersbijdragen als werkgeversbijdragen (zoals gewijzigd door de Wet van 18 december 2015). Deze minimum rendementsgarantie overtreft over het algemeen het rendement dat gegarandeerd wordt door de verzekeringsmaatschappij. Aangezien de werkgever verplicht wordt een minimum rendement te garanderen, worden niet alle actuariële en investeringsrisico's overgedragen naar de verzekeringsmaatschappijen die deze plannen beheren. Bijgevolg voldoen deze plannen niet aan de definitie van toegezegde bijdragenregeling zoals opgenomen in IFRS en worden ze als een te bereiken doel plan geclassificeerd. Een actuariële berekening in overeenstemming met IAS 19 gebaseerd op de 'projected unit credit (PUC)'-methode wordt uitgevoerd in dit verband.
Ontslagvergoedingen worden opgenomen als een last als de Groep zich op basis van een gedetailleerd formeel plan aantoonbaar heeft verbonden tot de beëindiging van het dienstverband van een werknemer of een groep werknemers vóór de gebruikelijke pensioendatum, zonder realistische mogelijkheid tot intrekking van dat plan. Dit is tevens het geval als de Groep ontslagvergoedingen aanbiedt en zo (een groep) werknemers stimuleert vrijwillig te vertrekken. Ontslagvergoedingen voor vrijwillig ontslag worden opgenomen als een last als de Groep een aanbod heeft gedaan tot vrijwillig ontslag, als het waarschijnlijk is dat dit aanbod zal worden aangenomen en als het aantal werknemers dat van het aanbod gebruik zal maken betrouwbaar kan worden bepaald. Als ontslagvergoedingen meer dan twaalf maanden na afloop van de verslagdatum betaalbaar zijn, dan worden deze gedisconteerd tot hun contante waarde.
Korte termijn personeelsbeloningen worden zonder verdiscontering gewaardeerd en opgenomen wanneer de daarmee verband houdende dienst wordt verricht. Er wordt een verplichting verantwoord voor het bedrag dat naar verwachting ten gevolge van een kortetermijnbonus in contanten of een winstdelingsregeling zal worden uitbetaald indien de Groep een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft als gevolg van verstreken diensttijd van werknemers en indien deze verplichting betrouwbaar kan worden bepaald.
De reële waarde op toekenningsdatum van in eigen vermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingstransacties aan personeelsleden wordt opgenomen als een personeelslast, met een overeenkomstige verhoging van het eigen vermogen, verdeeld over de periode waarin de werknemers onvoorwaardelijk recht krijgen op de opties. Het als last op te nemen bedrag wordt aangepast voor het aantal opties waarvoor naar verwachting zal worden voldaan aan de betreffende dienstverleningsvoorwaarden en niet-markt gerelateerde voorwaarden van onvoorwaardelijk worden, zodanig dat het uiteindelijk als last opgenomen bedrag gebaseerd is op het aantal opties waarvoor op de datum waarop de toekenning onvoorwaardelijk wordt daadwerkelijk is voldaan aan de betreffende voorwaarden.
Een voorziening wordt in de balans opgenomen wanneer de Groep een verplichting heeft (in rechte afdwingbaar of feitelijk) als gevolg van gebeurtenissen in het verleden, en wanneer het waarschijnlijk is dat voor de afwikkeling van de verplichting een uitstroom van middelen noodzakelijk is. Indien het effect belangrijk is, worden voorzieningen aangelegd door de toekomstige verwachte kasstromen te verdisconteren aan een rentevoet voor belastingen die zowel de huidige marktbeoordelingen van de tijdwaarde van geld weerspiegelt als, waar nodig, de specifieke risico's verbonden aan de verplichting.
Herstructureringsvoorzieningen worden aangelegd wanneer de Groep een gedetailleerd en geformaliseerd herstructureringsplan heeft goedgekeurd, en wanneer de herstructurering ofwel reeds is aangevat ofwel publiekelijk bekend is gemaakt. Er wordt geen voorziening aangelegd voor toekomstige exploitatiekosten.
Een voorziening voor verlieslatende contracten wordt geboekt wanneer het voordeel dat de Groep uit een contract verwacht te halen lager is dan de onvermijdelijke kosten die verbonden zijn aan de naleving van het contract. De provisie wordt gewaardeerd aan de huidige waarde van het laagste van de verwachte kost om het contract te verbreken en van de verwachte kost om het contract verder te zetten. Voordat een voorziening wordt getroffen, verwerkt de Groep eerst een eventueel bijzonder waardeverminderingsverlies op de activa die gerelateerd zijn aan het contract.
De Groep en of haar joint ventures verwerven inkomsten van bevrachters als gevolg van het gebruik van haar activa. Deze activa worden bevracht als gevolg van reis/spot contracten, tijdsbevrachtingscontracten of "bareboat" contracten. Voor reis/ spot charters wordt een contract afgesloten in de spotmarkt voor het gebruik van een actief voor een specifieke reis tegen een contractueel afgesproken tarief per getransporteerde metrieke ton. Voor tijdbevrachtings charters of "bareboat" charters wordt een overeenkomst aangegaan voor het gebruik van een actief voor een specifieke termijn tegen een contractueel overeengekomen maandelijks of dagelijks tarief. Opbrengsten worden erkend op een lineaire basis over de looptijd van elke reis, tijdbevrachtings of "bareboat" charter. Facturen en gerelateerde betalingstermijnen zijn afhankelijk van de individuele contractuele voorwaarden.
Opbrengsten uit de verkoop van activa worden in de resultatenrekening opgenomen wanneer de controle van de goederen onderliggend aan de betreffende prestatieverplichting overgedragen wordt aan de klant. Voor de verkoop van een schip wordt de controle overgedragen aan de klant op het moment dat het schip geleverd wordt aan de klant. Facturen en gerelateerde betalingstermijnen zijn afhankelijk van de individuele contractuele voorwaarden.
Opbrengsten van de levering van diensten wordt in de resultatenrekening opgenomen in overeenstemming met het stadium van voltooiing van de transactie op balansdatum. Facturen en gerelateerde betalingstermijnen zijn afhankelijk van de individuele contractuele voorwaarden.
Er worden geen opbrengsten geboekt wanneer er belangrijke onzekerheden bestaan met betrekking tot de ontvangst van de overeengekomen vergoeding en gerelateerde transactiekosten.
wanneer de Groep bij een transactie als tussenpersoon (agent) optreedt in plaats van als hoofdpartij, zijn de verwerkte opbrengsten het nettobedrag van de commissies waarop de Groep recht heeft.
Huuropbrengsten uit vastgoedbeleggingen worden op lineaire basis, gespreid over de huurperiode, in resultaat genomen.
Bij de start van een overeenkomst bepaalt de Groep of de overeenkomst een leasingcontract is of omvat. Een contract is of bevat een leasingcontract wanneer het contract een recht bevat om een geïdentificeerd actief te controleren voor een bepaalde periode in ruil voor een vergoeding. Om te beoordelen of een contract een recht bevat om een geïdentificeerd actief te controleren, gebruikt de Groep de definitie van IFRS 16. Deze procedure is van toepassing voor contracten aangegaan vanaf 1 januari 2019.
Bij aanvang of bij wijziging van een contract welke een leasingcomponent omvat, zal de Groep de vergoeding in het contract verdelen over de leasingcomponent en de niet-leasingcomponent op basis van hun relatieve op zichzelf staande prijzen.
De Groep erkent een recht-op-gebruik (right-of-use asset) en een leaseverplichting bij de start van het leasing contract. Het gebruiksrecht wordt initieel gewaardeerd aan kostprijs, deze kostprijs omvat het initiële bedrag van de leaseverplichting aangepast voor leasebetalingen gedaan op of voor de startdatum van de lease vermeerderd met direct toewijsbare kosten en ingeschatte kosten om het gerelateerde actief af te breken of te verwijderen of om het gerelateerde actief te herstellen of de locatie waar het actief zich bevindt in zijn oorspronkelijke staat te herstellen. Lease incentives welke door de Groep verkregen werden dienen in mindering van de kostprijs gebracht te worden.
Het recht-op-gebruik (right-of-use asset) wordt vervolgens afgeschreven volgens de lineaire methode vanaf de start van het leasingcontract tot de einddatum van het leasingcontract, tenzij het leasingcontract eigendom transfereert op het einde van de leasetermijn of de kostprijs van het recht-op-gebruik het uitoefenen van een aankoopoptie door de Groep weerspiegelt. In dit geval wordt het recht-op-gebruik (right-of-use asset) afgeschreven over de geschatte gebruiksduur van het actief, welke bepaald wordt op dezelfde manier als deze van andere bedrijfsmiddelen. Additioneel wordt het recht-op-gebruik (right-of-use asset) verminderd met waardeverminderingen indien van toepassing en aangepast voor bepaalde herwaarderingen van de leaseverplichting.
De leaseverplichting wordt initieel gewaardeerd aan de contante waarde van de toekomstige leasebetalingen op de startdatum van het leasingcontract, verdisconteerd aan het impliciete intrestpercentage van het leasingcontract of wanneer dit percentage niet kan bepaald worden, dan gebruikt de Groep haar marginale rentevoet als verdisconteringspercentage. Algemeen gesteld gebruikt de Groep haar marginale rentevoet als verdisconteringspercentage. De marginale rentevoet wordt bepaald door rentevoeten te bekomen van verschillende externe financieringsbronnen en bepaalde aanpassingen te doen in het kader van de voorwaarden van het leasingcontract en het type actief.
Leasebetalingen opgenomen in de waardering van de leaseverplichting omvatten het volgende:
De leaseverplichting wordt gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs volgens de effectieve intrestmethode. De leaseverplichting wordt geherwaardeerd wanneer er een wijziging is in toekomstige leasebetalingen als gevolg van een wijziging in index of tarief, een wijziging in het geschatte bedrag te betalen onder een restwaardegarantie of indien van toepassing, wijzigingen in de inschattingen van uitoefeningen van aankoopopties, verlengopties of beëindigingsopties of wanneer er een aanpassing is van in hoofdzaak vaste lease betalingen.
Wanneer er een aanpassing is van de leaseverplichting in bovenstaand verband, dan wordt een corresponderende aanpassing gedaan aan de boekwaarde van recht-op-gebruik (right-of-use asset) of gebeurt er een registratie in het overzicht van gerealiseerde resultaten wanneer het recht-op-gebruik verminderd werd tot nul. De Groep presenteert het recht-op-gebruik (right-of-use asset) apart in de geconsolideerde balans en de leaseverplichtingen zijn opgenomen binnen rentedragende leningen.
De Groep heeft ervoor geopteerd om geen recht-op-gebruik (rightof-use asset) en gerelateerde leaseverplichting te erkennen voor korte termijn leasingcontracten en leasingcontracten met immateriële waarde. De Groep erkent de gerelateerde leasebetalingen als een kost volgens de lineaire methode over de leasingtermijn.
Bij aanvang of bij wijziging van een contract welke een leasingcomponent omvat, zal de Groep de vergoeding in het contract verdelen over de leasingcomponent en de niet-leasingcomponent op basis van hun relatieve op zichzelf staande prijzen.
Wanneer de Groep optreedt als leasinggever, dan bepaalt het bij de start van een leasingcontract of een leasingcontract een financiële of een operationele lease is.
Om de leasing classificatie te beoordelen, kijkt de Groep of alle risico's en voordelen binnen de Groep blijven. Wanneer dit het geval is, dan is het leasingcontract een financiële lease; wanneer dit niet het geval is, dan is het leasingcontract een operationele lease. Als deel van deze beoordeling houdt de Groep rekening met bepaalde indicatoren, waaronder of de lease betrekking heeft op het grootste gedeelte van de economische levensduur van het actief.
Wanneer een contract lease componenten en niet-lease componenten omvat, dan gebuikt de Groep IFRS 15 om de vergoeding toe te wijzen aan het contract.
De Groep erkent leasebetalingen ontvangen onder een operationeel leasingcontract als opbrengsten volgens de lineaire methode over de leasingtermijn van het contract.
Overheidssubsidies worden, zodra er redelijke zekerheid bestaat dat zij zullen worden ontvangen en dat de Groep zal voldoen aan de daaraan verbonden voorwaarden, bij eerste opname in de balans opgenomen als over te dragen opbrengsten en gewaardeerd tegen reële waarde en worden na eerste opname systematisch in de winsten verliesrekening verantwoord als overige bedrijfsopbrengsten gedurende de gebruiksduur van het actief. Subsidies ter compensatie van door de Groep gemaakte kosten worden geboekt in de winsten verliesrekening in de periode waarin de kosten erkend worden.
Financiële opbrengsten omvatten ontvangen intresten, dividenden, wisselkoersopbrengsten, opbrengsten uit de verkoop van overige investeringen en opbrengsten uit de wijziging van de reële waarde van financiële activa verwerkt via het overzicht van gerealiseerde resultaten. Intresten worden pro rata temporis in de winst- en verliesrekening opgenomen rekening houdend met de effectieve opbrengstvoet. Dividenden worden geboekt op het moment waarop ze worden toegekend.
De financiële kosten omvatten intresten op leningen, wisselkoersverliezen, verliezen uit de wijziging van de reële waarde van financiële instrumenten die opgenomen worden in de resultatenrekening, bijzondere waardeverminderingsverliezen op financiële activa en verliezen op afdekkingsverrichtingen die opgenomen worden in de resultatenrekening. Alle kosten met betrekking tot rentedragende leningen, met uitzondering van de financieringskosten die rechtstreeks toewijsbaar zijn aan het aankopen of gebruiksklaar maken van activa, worden in de resultatenrekening opgenomen op basis van de effectieve rentemethode.
Wisselkoerswinsten en wisselkoersverliezen worden netto gepresenteerd per munt als zijnde financiële opbrengsten of financiële kosten.
De belastingen op het resultaat van het boekjaar omvatten over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare en latente belastingen. Ze worden opgenomen in de winst- en verliesrekening, behalve wanneer ze gerelateerd zijn aan een bedrijfscombinatie of wanneer deze betrekking hebben op bestanddelen die rechtstreeks in het eigen vermogen of in het overzicht van niet gerealiseerde resultaten worden geboekt.
De verschuldigde en verrekenbare belastingen zijn de belastingen verschuldigd op de belastbare winst van het boekjaar, berekend volgens de belastingtarieven die gelden op datum van afsluiting van het boekjaar, en voorts ook de aanpassingen die betrekking hebben op de voorgaande boekjaren. Actuele belastingvorderingen en -verplichtingen worden uitsluitend gesaldeerd als aan bepaalde criteria wordt voldaan.
De latente belastingen worden berekend op alle tijdelijke verschillen tussen de boekwaarde en de fiscale waarde. Uitgestelde belastingen worden gewaardeerd op basis van de belastingtarieven die naar verwachting van toepassing zullen zijn bij afloop van de tijdelijke verschillen, op basis van belastingtarieven die op balansdatum zijn vastgesteld. De volgende tijdelijke verschillen worden niet voorzien: de initiële erkenning van goodwill, de initiële erkenning van activa of passiva in een transactie dat geen bedrijfscombinatie is en die geen invloed heeft op zowel boekhoudkundige winst als fiscale winst en verschillen met betrekking tot investeringen in deelnemingen, geassocieerde ondernemingen en joint ventures voor zover dat de Groep in staat is het tijdstip van de omdraaiing te beïnvloeden en het waarschijnlijk is dat deze zich niet zullen omkeren in de voorzienbare toekomst.
Actieve belastinglatenties worden enkel geboekt indien het voldoende zeker is dat het belastingkrediet en de niet gebruikte fiscale verliezen in de toekomst met belastbare winsten verrekend kunnen worden.
Actieve belastinglatenties worden verminderd zodra het niet langer waarschijnlijk is dat dit belastingvoordeel zich zal realiseren. Nietopgenomen uitgestelde belastingvorderingen worden op iedere verslagdatum opnieuw beoordeeld en worden opgenomen zodra het waarschijnlijk is dat er in de toekomst belastbare winsten beschikbaar zijn, waartegen ze kunnen worden gebruikt. Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden uitsluitend gesaldeerd als aan bepaalde criteria wordt voldaan.
In overeenstemming met IAS 12 wordt "tonnage tax" niet als inkomstenbelasting maar als overige kost opgenomen in de winsten verliesrekening.
Een segment is een onderdeel van de Groep met betrekking tot een operationele activiteit die inkomsten genereert en uitgaven maakt, met inbegrip van inkomsten en uitgaven afkomstig van transacties met andere segmenten van de Groep. Het operationele resultaat van de segmenten wordt op een regelmatige basis door de bedrijfsleiding bekeken om zo beslissingen te nemen met betrekking tot de allocatie van middelen en om de prestaties van een segment te beoordelen.
Het resultaat van een segment omvat alle opbrengsten en kosten die rechtstreeks door dit segment worden gegenereerd, inclusief het deel van de te alloceren opbrengsten en kosten die redelijkerwijs aan het segment kan worden toegewezen. De activa en passiva van een segment omvatten als minimum de activa en passiva dewelke periodiek gerapporteerd worden aan de "Chief operating decision maker", zijnde de CEO van de Groep en de overige leden van het directiecomité.
De investeringen van het segment omvatten de aankoopkost van materiële en immateriële vaste activa, met uitzondering van goodwill, voor de periode.
De Groep presenteert gewone en verwaterde winst per aandeel voor de gewone aandelen. De gewone winst per aandeel wordt bekomen door het resultaat toewijsbaar aan de gewone aandeelhouders te verdelen over het gewogen gemiddeld aantal aandelen over de periode, aangepast voor het gewogen gemiddelde aantal eigen aandelen. Verwaterde winst per aandeel wordt berekend door het resultaat toewijsbaar aan de gewone aandeelhouders en het gewogen gemiddeld aantal aandelen aan te passen met het effect van alle mogelijke verwateringen van de gewone aandelen zoals aandelenopties toegekend aan personeelsleden.
Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een component van de onderneming van de Groep, waarvan de activiteiten en kasstromen duidelijk te onderscheiden zijn van de rest van de Groep, en die een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografisch bedrijfsgebied vertegenwoordigt; deel uitmaakt van één gecoördineerd plan om een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografisch gebied af te stoten; of een dochteronderneming is die uitsluitend is overgenomen met de bedoeling te worden doorverkocht. De classificatie naar beëindigde bedrijfsactiviteiten vindt plaats bij verkoop of wanneer het onderdeel aan de criteria voldoet om aangehouden te worden voor verkoop. Wanneer een bedrijfsactiviteit geclassificeerd wordt als aangehouden voor verkoop, wordt de presentatie van de vergelijkende cijfers aangepast.

107
De onderneming blijft haar activiteiten beheren gebaseerd op de interne management rapportering volgens de proportionele consolidatie methode. De reconciliatie van de segmentrapportering met de geconsolideerde balans en het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten wordt weergegeven onder toelichting 3. Alle verschillen hebben betrekking op de toepassing van IFRS 11 gezamenlijke overeenkomsten, er zijn geen andere verschillen van toepassing.
De Groep heeft haar rapporteringssegmenten gewijzigd in 2019, de Groep heeft momenteel 3 rapporteringssegmenten. Deze segmenten weerspiegelen het niveau waarop de CEO en het directiecomité naar het bedrijf kijken en beslissingen nemen over de verdeling van middelen en andere operationele zaken. Deze segmenten leveren verschillende diensten en producten en worden afzonderlijk geleid.
De structuur van de Groep en het management is niet gebaseerd op geografische informatie (vaste activa en omzet per belangrijkste land) aangezien de vloot van de onderneming ingezet wordt op een wereldwijde basis.
De intra-segment opbrengsten hebben voornamelijk betrekking op verleende diensten met betrekking tot management activiteiten en bemanning van schepen.
Een belangrijke shipping klant Equinor (ex-Statoil) vertegenwoordigt 20,5% (2019: 26%) van de omzet van het shipping segment en 12,1% (2019: 13,9%) van de totale geconsolideerde inkomsten in 2020. Het resterend deel van de shipping inkomsten wordt vertegenwoordigd door 15 verschillende klanten. Gunvor vertegenwoordigt 36,7% (2019: 35,8%) van de omzet van het infrastructuur segment en 10,6% (2019: 11,4%) van de inkomsten van de EXMAR Groep in 2020. YPF vertegenwoordigt 17,3% (2019: 24,8%) van de omzet van het infrastructuur segment en 5% (2019: 7,9%) van de inkomsten van de EXMAR Groep in 2020. De vernoemde percentages werden berekend exclusief de schikkingsvergoedingen. Er zijn geen andere klanten die meer dan 10% van EXMAR's geconsolideerde omzet vertegenwoordigen.
| CIJFERS PER SEGMENT 2020 (IN DUIZENDEN USD) |
Shipping | Infrastructure | Onder steunende diensten |
Eliminaties | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN | |||||
| Externe opbrengsten | 130.951 | 213.126 | 40.082 | 0 | 384.159 |
| Intra-segment opbrengsten | 3.849 | 165 | 6.718 | -10.732 | 0 |
| Totale opbrengsten | 134.800 | 213.291 | 46.800 | -10.732 | 384.159 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 49 | 1 | 45 | 0 | 95 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 345 | 174 | 1.051 | 0 | 1.570 |
| BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 135.194 | 213.466 | 47.896 | -10.732 | 385.824 |
| BEDRIJFSRESULTAAT VOOR AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN (EBITDA) |
68.058 | 161.002 | 10.795 | 0 | 239.855 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -75.898 | -25.225 | -1.086 | 0 | -102.209 |
| BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT) | -7.840 | 135.777 | 9.709 | 0 | 137.646 |
| Intrestopbrengsten (niet-interco) | 183 | 1.117 | 60 | 0 | 1.360 |
| Intrestopbrengsten interco | 193 | 191 | 17.752 | -18.136 | 0 |
| Intrestkosten (niet-interco) | -14.648 | -14.067 | -851 | 0 | -29.566 |
| Intrestkosten interco | -749 | -17.177 | -210 | 18.136 | 0 |
| Overige financiële opbrengsten | 767 | 394 | 527 | 0 | 1.688 |
| Overige financiële kosten | -4.049 | -5.597 | -6.449 | 0 | -16.095 |
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en joint ventures, na belastingen |
0 | -2.139 | 89 | 0 | -2.050 |
| Belastingen op het resultaat | -66 | -451 | -506 | 0 | -1.023 |
| SEGMENT RESULTAAT VOOR DE PERIODE | -26.209 | 98.048 | 20.121 | 0 | 91.960 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | 91.960 | ||||
| Minderheidsbelang | 25 | ||||
| AANDEELHOUDERS VAN DE VENNOOTSCHAP | 91.934 |
108
| CIJFERS PER SEGMENT 2020 (IN DUIZENDEN USD) |
Shipping | Infrastructure | Onder steunende diensten |
Eliminaties | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| BALANS | |||||
| ACTIVA | |||||
| Schepen | 453.124 | 443.088 | 0 | 0 | 896.212 |
| Overige materiële vaste activa | 65 | 328 | 1.287 | 1.680 | |
| Immateriële activa | 0 | 13 | 60 | 73 | |
| Gebruiksrechten | 22.784 | 2.200 | 953 | 25.937 | |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 0 | 5.285 | 1.846 | 7.131 | |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 0 | 6.360 | 0 | 6.360 | |
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | 11.619 | 0 | 0 | 11.619 | |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 1.761 | 75.575 | 0 | 77.336 | |
| Kas en kasequivalenten | 27.758 | 8.433 | 17.543 | 53.734 | |
| TOTAAL SEGMENT ACTIVA | 517.111 | 541.282 | 21.689 | 0 | 1.080.082 |
| Niet toegewezen overige investeringen | 1.354 | ||||
| Niet toegewezen handels- en overige vorderingen | 144.363 | ||||
| Niet toegewezen overige activa | 3.487 | ||||
| TOTALE ACTIVA | 1.229.286 | ||||
| VERPLICHTINGEN | |||||
| Rentedragende leningen lange termijn | 300.940 | 205.907 | 438 | 507.285 | |
| Rentedragende leningen korte termijn | 88.369 | 18.999 | 4.287 | 111.655 | |
| Provisies (lange termijn) | 1.761 | 0 | 0 | 1.761 | |
| Afgeleide financiële instrumenten (korte termijn) | 1.078 | 0 | 0 | 1.078 | |
| TOTAAL SEGMENT VERPLICHTINGEN | 392.148 | 224.906 | 4.725 | 0 | 621.779 |
| Niet toegewezen eigen vermogen | 545.917 | ||||
| Niet toegewezen handels- en overige schulden | 54.832 | ||||
| Niet toegewezen overige verplichtingen | 6.758 | ||||
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 1.229.286 | ||||
| KASSTROOMOVERZICHT | |||||
| Kasstroom uit bedrijfsactiviteit | 54.490 | 19.870 | 29.127 | 103.487 | |
| Kasstroom uit investeringsactiviteit | -26.729 | -1.276 | 2.028 | -25.977 | |
| Kasstroom uit financieringsactiviteit | -48.707 | -23.751 | -30.269 | -102.727 | |
| Dividenduitkering/ontvangen dividend | 0 | ||||
| Wisselkoersfluctuatie | 1.708 | ||||
| TOTALE KASSTROOM | -20.946 | -5.157 | 886 | 0 | -23.509 |
| BIJKOMENDE INFORMATIE | |||||
| Investeringen | -26.729 | -1.060 | -192 | -27.981 |
Inkomsten uit verkoop 0 0 91 91
| CIJFERS PER SEGMENT 2019 (IN DUIZENDEN USD) |
Shipping | Infrastructure | Onder steunende diensten |
Eliminaties | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN | |||||
| Externe opbrengsten | 119.388 | 71.315 | 33.732 | 0 | 224.435 |
| Intra-segment opbrengsten | 3.040 | 468 | 7.892 | -11.400 | 0 |
| Totale opbrengsten | 122.428 | 71.783 | 41.624 | -11.400 | 224.435 |
| Externe opbrengsten uit verhuur van vastgoed | 0 | 0 | 611 | 0 | 611 |
| Intra-segment opbrengsten uit verhuur van vastgoed | 0 | 0 | 62 | -62 | 0 |
| Totale opbrengsten uit verhuur van vastgoed | 0 | 0 | 673 | -62 | 611 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 16 | 0 | 19.189 | 0 | 19.205 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 430 | 1.594 | 331 | 0 | 2.355 |
| BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 122.874 | 73.377 | 61.817 | -11.462 | 246.606 |
| BEDRIJFSRESULTAAT VOOR AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN (EBITDA) |
60.425 | 20.617 | 19.873 | 100.915 | |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -45.976 | -18.650 | -1.912 | -66.538 | |
| BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT) | 14.449 | 1.967 | 17.961 | 0 | 34.377 |
| Intrestopbrengsten (niet-interco) | 2.855 | 1.229 | 233 | 4.317 | |
| Intrestopbrengsten interco | 771 | 550 | 26.557 | -27.878 | 0 |
| Intrestkosten (niet-interco) | -21.034 | -21.115 | -716 | -42.865 | |
| Intrestkosten interco | -2.038 | -24.985 | -855 | 27.878 | 0 |
| Overige financiële opbrengsten | 691 | 1.812 | 1.419 | 3.922 | |
| Overige financiële kosten | -2.752 | -4.430 | -1.517 | -8.699 | |
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en joint ventures, na belastingen |
0 | 322 | -125 | 197 | |
| Belastingen op het resultaat | -139 | -509 | -3.804 | -4.452 | |
| SEGMENT RESULTAAT VOOR DE PERIODE | -7.197 | -45.159 | 39.153 | 0 | -13.202 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | -13.202 | ||||
| Minderheidsbelang | 16 | ||||
| AANDEELHOUDERS VAN DE VENNOOTSCHAP | -13.219 |
| ACTIVA | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Schepen | 487.839 | 466.095 | 0 | 953.934 | |
| Overige materiële vaste activa | 393 | 123 | 1.281 | 1.797 | |
| Immateriële activa | 0 | 0 | 195 | 195 | |
| Gebruiksrechten | 33.613 | 2.617 | 2.594 | 38.824 | |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 3.741 | 0 | 5.119 | 8.860 | |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 0 | 7.396 | 0 | 7.396 | |
| Afgeleide financiële instrumenten (lange termijn) | 175 | 0 | 0 | 175 | |
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | 13.279 | 0 | 0 | 13.279 | |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 1.733 | 67.270 | 0 | 69.003 | |
| Kas en kasequivalenten | 25.733 | 11.651 | 39.859 | 77.243 | |
| TOTAAL SEGMENT ACTIVA | 566.506 | 555.152 | 49.048 | 0 | 1.170.706 |
| Niet toegewezen overige investeringen | 4.170 | ||||
| Niet toegewezen handels- en overige vorderingen | 53.362 | ||||
| Niet toegewezen overige activa | 1.368 | ||||
| TOTALE ACTIVA | 1.229.606 | ||||
| VERPLICHTINGEN | |||||
| Rentedragende leningen lange termijn | 363.696 | 217.677 | 1.789 | 583.162 | |
| Rentedragende leningen korte termijn | 73.329 | 30.430 | 22.903 | 126.662 | |
| Provisies (lange termijn) | 1.733 | 0 | 0 | 1.733 | |
| Afgeleide financiële instrumenten (lange termijn) | 153 | 0 | 0 | 153 | |
| TOTAAL SEGMENT VERPLICHTINGEN | 438.911 | 248.107 | 24.692 | 0 | 711.710 |
| Niet toegewezen eigen vermogen | 448.940 | ||||
| Niet toegewezen handels- en overige schulden | 62.243 | ||||
| Niet toegewezen overige verplichtingen | 6.713 | ||||
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 1.229.606 |
110
| CIJFERS PER SEGMENT 2019 (IN DUIZENDEN USD) |
Shipping | Infrastructure | Onder steunende diensten |
Eliminaties | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| KASSTROOMOVERZICHT | ||||||
| Kasstroom uit bedrijfsactiviteit | 37.903 | -25.773 | 33.453 | 45.583 | ||
| Kasstroom uit investeringsactiviteit | -1.349 | -11.029 | 18.468 | 6.090 | ||
| Kasstroom uit financieringsactiviteit | -15.297 | -64.955 | 29.954 | -50.298 | ||
| Dividenduitkering/ontvangen dividend | 0 | |||||
| Wisselkoersfluctuatie | -481 | |||||
| TOTALE KASSTROOM | 21.257 | -101.757 | 81.875 | 0 | 894 | |
| BIJKOMENDE INFORMATIE | ||||||
| Investeringen | -1.349 | -12.029 | -336 | -13.714 | ||
| Inkomsten uit verkoop | 0 | 0 | 0 | 0 |
De onderneming blijft haar activiteiten beheren gebaseerd op de interne management rapportering volgens de proportionele consolidatie methode. De onderstaande tabellen reconcilieren de financiële informatie zoals weergegeven in de geconsolideerde balans en in het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten (dewelke opgesteld werden in overeenstemming met IFRS 11 volgens de vermogensmutatiemethode) met de financiële informatie weergegeven in toelichting 2 segmentrapportering (dewelke werden opgesteld volgens de proportionele consolidatiemethode).
| Proportionele consolidatie |
Verschil | Vermogensmutatie Methode |
||
|---|---|---|---|---|
| RECONCILIATIE GECONSOLIDEERDE BALANS MET PROPORTIONELE CONSOLIDATIE (SEGMENTRAPPORTERING) | ||||
| 31 DECEMBER 2020 | ||||
| Schepen | 896.212 | -334.789 | 561.424 | |
| Andere materiële vaste activa | 1.680 | 0 | 1.680 | |
| Immateriële activa | 73 | 0 | 73 | |
| Gebruiksrechten | 25.937 | -22.476 | 3.461 | |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 7.131 | 66.168 | 73.298 | |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 6.360 | 23.453 | 29.813 | |
| VASTE ACTIVA | 937.394 | -267.645 | 669.749 | |
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | 11.619 | -1.619 | 10.000 | |
| Overige investeringen | 1.354 | 0 | 1.354 | |
| Handels- en overige vorderingen | 144.363 | -783 | 143.580 | |
| Actuele belastingsvorderingen | 3.487 | -15 | 3.472 | |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 77.336 | -1.761 | 75.575 | |
| Kas en kasequivalenten | 53.734 | -25.539 | 28.195 | |
| VLOTTENDE ACTIVA | 291.893 | -29.717 | 262.176 | |
| TOTALE ACTIVA | 1.229.286 | -297.362 | 931.924 | |
| EIGEN VERMOGEN | 545.917 | 0 | 545.917 | |
| Rentedragende leningen | 507.285 | -230.697 | 276.588 | |
| Personeelsbeloningen | 1.715 | 0 | 1.715 | |
| Provisies | 1.761 | -1.761 | 0 | |
| VERPLICHTINGEN OP LANGE TERMIJN | 510.761 | -232.458 | 278.304 | |
| Rentedragende leningen | 111.655 | -46.624 | 65.031 | |
| Handels- en overige schulden | 54.832 | -17.202 | 37.630 | |
| Te betalen winstbelastingen | 5.043 | 0 | 5.043 | |
| Afgeleide financiële instrumenten | 1.078 | -1.078 | 0 | |
| VERPLICHTINGEN OP KORTE TERMIJN | 172.608 | -64.904 | 107.704 | |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 1.229.286 | -297.362 | 931.924 |
| Proportionele consolidatie |
Verschil | Vermogensmutatie Methode |
|---|---|---|
RECONCILIATIE GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN MET PROPORIONELE CONSOLIDATIE (SEGMENTRAPPORTERING)
| VOOR HET JAAR EINDIGEND 31 DECEMBER 2020 | |||
|---|---|---|---|
| Opbrengsten | 384.159 | -99.005 | 285.154 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 95 | 0 | 95 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 1.570 | -36 | 1.534 |
| Operationele kosten van schepen | -83.223 | 35.969 | -47.254 |
| Algemene en administratieve kosten | -31.908 | 506 | -31.402 |
| Personeelskosten | -30.807 | 185 | -30.622 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -102.209 | 63.872 | -38.337 |
| Voorzieningen | -28 | 28 | 0 |
| Verlies gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | -4 | 0 | -4 |
| RESULTAAT UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 137.646 | 1.519 | 139.164 |
| Intrestopbrengsten | 1.360 | 598 | 1.958 |
| Intrestkosten | -29.566 | 11.998 | -17.568 |
| Andere financiële opbrengsten | 1.688 | -179 | 1.508 |
| Andere financiële kosten | -16.095 | 1.841 | -14.254 |
| RESULTAAT VOOR BELASTINGEN EN VOOR AANDEEL IN HET RESULTAAT VAN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES |
95.033 | 15.776 | 110.809 |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen en joint ventures, na belastingen |
-2.050 | -15.780 | -17.830 |
| Belastingen op het resultaat | -1.023 | 3 | -1.020 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | 91.960 | 0 | 91.960 |
| Proportionate |
consolidation Difference Equity Consolidation
112
EXMAR VERSLAG 2020
| 31 DECEMBER 2019 | |||
|---|---|---|---|
| Schepen | 953.934 | -377.329 | 576.605 |
| Andere materiële vaste activa | 1.797 | 0 | 1.797 |
| Immateriële activa | 195 | 0 | 195 |
| Gebruiksrechten | 38.824 | -32.714 | 6.111 |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 8.860 | 86.697 | 95.557 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 7.396 | 42.084 | 49.479 |
| Afgeleide financiële instrumenten | 175 | -175 | 0 |
| VASTE ACTIVA | 1.011.181 | -281.436 | 729.745 |
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | 13.279 | -2.279 | 11.000 |
| Overige investeringen | 4.170 | 0 | 4.170 |
| Handels- en overige vorderingen | 53.362 | -9.758 | 43.603 |
| Actuele belastingsvorderingen | 1.368 | -14 | 1.353 |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 69.003 | -1.733 | 67.270 |
| Kas en kasequivalenten | 77.243 | -24.617 | 52.626 |
| VLOTTENDE ACTIVA | 218.425 | -38.402 | 180.023 |
| TOTALE ACTIVA | 1.229.606 | -319.839 | 909.767 |
| EIGEN VERMOGEN | 448.940 | 0 | 448.940 |
| Rentedragende leningen | 583.162 | -259.580 | 323.582 |
| Personeelsbeloningen | 1.597 | 0 | 1.597 |
| Provisies | 1.733 | -1.733 | 0 |
| Afgeleide financiële instrumenten | 153 | -153 | 0 |
| VERPLICHTINGEN OP LANGE TERMIJN | 586.645 | -261.466 | 325.179 |
| Rentedragende leningen | 126.662 | -44.810 | 81.851 |
| Handels- en overige schulden | 62.243 | -13.562 | 48.681 |
| Te betalen winstbelastingen | 5.116 | 0 | 5.116 |
| VERPLICHTINGEN OP KORTE TERMIJN | 194.021 | -58.372 | 135.649 |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 1.229.606 | -319.839 | 909.767 |
| Proportionele consolidatie |
Verschil | Vermogensmutatie Methode |
||
|---|---|---|---|---|
| RECONCILIATIE GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN MET PROPORIONELE CONSOLIDATIE (SEGMENTRAPPORTERING) |
||||
| VOOR HET JAAR EINDIGEND 31 DECEMBER 2019 | ||||
| Opbrengsten | 225.046 | -88.321 | 136.726 | |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 19.205 | 0 | 19.205 | |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 2.355 | -39 | 2.315 | |
| Operationele kosten van schepen | -79.011 | 32.081 | -46.928 | |
| Algemene en administratieve kosten | -31.248 | 903 | -30.345 | |
| Personeelskosten | -33.175 | 44 | -33.131 | |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -66.538 | 34.628 | -31.910 | |
| Voorzieningen | -1.733 | 1.733 | 0 | |
| Verlies gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | -524 | 0 | -524 | |
| RESULTAAT UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 34.377 | -18.970 | 15.407 | |
| Intrestopbrengsten | 4.317 | 113 | 4.430 | |
| Intrestkosten | -42.865 | 16.255 | -26.611 | |
| Andere financiële opbrengsten | 3.922 | -106 | 3.816 | |
| Andere financiële kosten | -8.699 | 1.029 | -7.670 | |
| RESULTAAT VOOR BELASTINGEN EN VOOR AANDEEL IN HET RESULTAAT VAN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES |
-8.948 | -1.679 | -10.627 | |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen en joint ventures, na belastingen |
197 | 1.560 | 1.757 | |
| Belastingen op het resultaat | -4.452 | 119 | -4.332 | |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | -13.202 | 0 | -13.202 |
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| OPBRENGSTEN | ||
| Shipping segment | 31.311 | 31.571 |
| Infrastructuur segment exclusief schikkingsvergoedingen | 61.618 | 68.957 |
| Infrastructuur segment - schikkingsvergoedingen | 149.144 | 0 |
| Services segment exclusief schikkingsvergoedingen | 30.121 | 36.198 |
| Services segment - schikkingsvergoedingen | 12.960 | 0 |
| 285.154 | 136.726 |
De stijging in de totale opbrengsten in het infrastructuur segment wordt voornamelijk verklaard door de facturatie naar YPF voor TANGO FLNG. De inkomsten ontvangen voor de TANGO FLNG sedert mei 2019 worden pas vanaf de aanvang van de operationele werkzaamheden in september in de verlies- en winstrekening opgenomen overeenkomstig IFRS 15.Op 25 juni 2020 heeft EXMAR een schriftelijke kennisgeving ontvangen van YPF betreffende overmacht onder de charterovereenkomst en de dienstverleningsovereenkomst voor de TANGO FLNG, die zijn afgesloten tussen YPF en EXMAR. Op 19 oktober 2020 heeft EXMAR heeft een overeenkomst bereikt met YPF S.A. met betrekking tot het geschil dat werd ingeroepen door YPF onder de TANGO FLNG Overeenkomsten. Een netto schikkingsbedrag van USD 149,1 miljoen te betalen door YPF aan EXMAR werd overeengekomen als vergoeding voor de vroegtijdige beëindiging van de overeenkomsten. In overeenstemming met IFRS 15 werd het volledige bedrag erkend per 31 december in het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten. Per 31 december 2020 staat er nog een bedrag open van USD 109,8 miljoen met betrekking tot de schikkingsvergoeding en dit in overeenstemming met het overeengekomen betalingsschema tussen partijen.
De stijging in de totale opbrengsten van het Diensten segment wordt voornamelijk verklaard door de opzegvergoeding betaald door Excelerate Energy. In februari 2019 heeft Excelerate Energy, via de respectievelijke ondernemingen die eigenaar zijn van elk schip, de scheepsbemanningsovereenkomsten voor hun 7 schepen dewelke gemanaged worden door EXMAR Shipmanagement opgezegd. In overeenstemming met de contractueel overeengekomen stopzetting clausules dient een opzegtermijn tot twee jaar in acht te worden genomen en is er een opzegvergoeding betaalbaar aan EXMAR Shipmanagement. Een overgangsregeling, eigen aan de operaties van elk schip, en een betalingsschema van de opzegvergoeding werd overeengekomen tussen partijen einde 2019. De volledige opzegvergoeding (USD 13 miljoen) werd erkend in de resultatenrekening in 2020. Deze stijging wordt gecompenseerd door onder andere dalende opbrengsten voor het reisbureau Travel Plus als gevolg van dalende activiteit welke het rechtstreekse gevolg is van de COVID -19 pandemie.
Opbrengsten binnen de scope van IFRS 16 Leasing bedragen 40,3% (2019: 37,6%) van de totale omzet en zijn voornamelijk gesitueerd in het Shipping segment en het Infrastructuur segment. Opbrengsten binnen de scope van IFRS 15 Opbrengsten van contracten met klanten vertegenwoordigen 59,7%% (2019: 62,4%) van de totale omzet en bevinden zich voornamelijk in het Infrastructuur en Diensten segment. De vernoemde percentages werden berekend exclusief de schikkingsvergoedingen.
De belangrijkste shipping klant Equinor (ex-Statoil) vertegenwoordigt 20,7% (2019: 41,5%) van de omzet van het shipping segment en 5,3% (2019: 9,6%) van de totale geconsolideerde inkomsten in 2020. Gunvor vertegenwoordigt 38,1% (2019: 37%) van de omzet van het infrastructuur segment en 19,1% (2019: 18,7%) van de totale geconsolideerde inkomsten in 2020. YPF vertegenwoordigt 18% (2019: 25,7%) van de omzet van het infrastructuur segment en 9% (2019: 13%) van de totale geconsolideerde inkomsten in 2020. De vernoemde percentages werden berekend exclusief de schikkingsvergoedingen. Er zijn geen andere klanten die meer dan 10% van EXMAR's geconsolideerde inkomsten vertegenwoordigen.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| CONTRACT SALDO'S | ||
| Handelsvorderingen opgenomen in handels-en overige vorderingen | 121.901 | 26.574 |
| Contract activa opgenomen in handels-en overige vorderingen | 2.894 | 3.454 |
| Contract schulden opgenomen in handels- en overige schulden | 8.818 | 10.015 |
| 133.613 | 40.043 |
Handelsvorderingen stijgen in vergelijking met 2019, voornamelijk als gevolg van de openstaande vordering met betrekking tot de YPF schikkingsvergoeding (zie ook uitleg opgenomen onder opbrengsten). De contract activa hebben voornamelijk betrekking op de rechten van de Groep op vergoeding voor uitgevoerde nog niet gefactureerde prestaties op rapporteringsdatum. De contract activa worden getransfereerd naar de vorderingen wanneer de rechten van de Groep onvoorwaardelijk worden. De contract schulden hebben voornamelijk betrekking op opgemaakte facturen voor huurinkomsten van schepen (vooruitbetaalde huur).
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| WINST GEREALISEERD BIJ VERKOOP VAN VASTE ACTIVA | ||
| Verkoop joint ventures | 0 | 19.164 |
| Overige | 95 | 41 |
| 95 | 19.205 |
Op 29 juni 2019 heeft EXMAR haar 50% aandeel in RESLEA, eigenaar van de kantoorgebouwen in Antwerpen, verkocht aan Compagnie Maritime Belge ("CMB"). We verwijzen naar toelichting 10 voor meer informatie.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| OVERIGE BEDRIJFSOPBRENGSTEN | ||
| Licentievergoeding | 92 | 1.498 |
| Overige | 1.442 | 817 |
| 1.534 | 2.315 |
Een licentievergoeding werd gefactureerd in het tweede semester van 2018 dewelke het recht vertegenwoordigt om EXMAR's ontwerp te gebruiken voor de bouw, oplevering, eigendom en uitbating van een EXMAR OPTI 11.000 drijvend half-afzinkbaar productieplatform voor olie en gas. Een gedeelte van deze licentievergoeding werd erkend in omzet in het tweede semester van 2018, een ander gedeelte gedurende 2019 en een laaste gedeelte in het eerste semester van 2020.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| OPERATIONELE KOSTEN VAN SCHEPEN | ||
| Operationele kosten - bemanning | -22.968 | -22.054 |
| Operationele kosten - onderhoud | -14.066 | -14.968 |
| Operationele kosten - verzekering | -3.477 | -3.259 |
| Operationele kosten - overige | -6.743 | -6.648 |
| -47.254 | -46.928 |
Operationele kosten van schepen zijn kosten gemaakt om een schip te exploiteren, de kosten zijn vergelijkbaar met 2019.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| ALGEMENE EN ADMINISTRATIEVE KOSTEN | ||
| Administratieve kosten | -28.234 | -27.499 |
| Algemene kantoorkosten | -3.158 | -2.090 |
| Reiskosten | -1.977 | -3.163 |
| IT & communicatie kosten | -1.861 | -1.946 |
| Diverse vergoedingen | -11.479 | -10.417 |
| Overige personeelsgerelateerde vergoedingen | -9.118 | -9.328 |
| Verzekeringen | -640 | -554 |
| Niet op inkomsten gebaseerde belastingen | -2.387 | -1.656 |
| Overige kosten | -782 | -1.191 |
| -31.402 | -30.345 |
115
De algemene en administratieve kosten stijgen licht in vergelijking met 2019, dit wordt voornamelijk veroorzaakt door gestegen belastingen voor TANGO FLNG.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| PERSONEELSKOSTEN | ||
| Lonen en salarissen | -24.915 | -27.152 |
| Sociale lasten | -4.586 | -4.803 |
| Personeelsbeloningen, toegezegde pensioenregelingen en toegezegde bijdrageregeling | -1.121 | -1.176 |
| -30.622 | -33.131 | |
| PERSONEELSAANTAL | ||
| Zeevarenden ( *) |
1.375 | 2.124 |
| Niet zeevarenden | 250 | 292 |
| 1.625 | 2.416 |
( *) Een belangrijk deel van de zeevarenden zijn tewerkgesteld op activa van of uitgebaat door onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures, de gerelateerde kost is niet opgenomen in de personeelskosten van EXMAR zoals hierboven toegelicht maar weergegeven in de operationele kosten van onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures.
Het personeelsaantal vertegenwoordigt het effectief aantal mensen in dienst per einde van het boekjaar.
De personeelskosten dalen in vergelijking met 2019, voornamelijk als gevolg van een gedaald aantal personeelsleden (niet-zeevarenden).
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| INTRESTOPBRENGSTEN EN -KOSTEN | ||
| INTRESTOPBRENGSTEN | ||
| Intresten op leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 1.888 | 2.912 |
| Intresten uit kas en kasequivalenten | 70 | 1.518 |
| 1.958 | 4.430 | |
| INTRESTKOSTEN | ||
| Intrestkosten op rentedragende leningen | -17.568 | -26.611 |
| Intrestkosten uit financiële instrumenten | 0 | 0 |
| -17.568 | -26.611 |
De intrestopbrengsten op leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures hebben betrekking op te betalen intresten door deze geassocieerde ondernemingen en joint ventures op de leningen gegeven door EXMAR. We verwijzen naar toelichting 17 in dit verband. Intresten uit kas en kasequivalenten dalen in vergelijking met voorgaande periode, voornamelijk als gevolg van de intresten die ontvangen werden in 2019 op de 2 geannuleerde contracten voor de bouw van 2 VLGC's.
Intrestkosten hebben betrekking op EXMAR's leningen, we verwijzen naar toelichting 25 in dit verband. Intrestkosten daalden in vergelijking met 2019, voornamelijk als gevolg van gedaalde leningbedragen en gedaalde referentievoeten (LIBOR en NIBOR).
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| OVERIGE FINANCIËLE OPBRENGSTEN EN KOSTEN | ||
| OVERIGE FINANCIËLE OPBRENGSTEN | ||
| Gerealiseerde koersverschillen | 347 | 2.781 |
| Niet-gerealiseerde koersverschillen | 923 | 661 |
| Dividend van niet-geconsolideerde ondernemingen | 121 | 259 |
| Terugname waardevermindering voor Aandelen - gewaardeerd aan FVTPL | 0 | 92 |
| Overige | 117 | 22 |
| 1.508 | 3.816 | |
| OVERIGE FINANCIËLE KOSTEN | ||
| Gerealiseerde koersverschillen | -2.452 | -1.006 |
| Niet-gerealiseerde koersverschillen | -6.085 | -1.493 |
| Bankvergoedingen | -4.020 | -4.543 |
| Waardevermindering voor Aandelen - gewaardeerd aan FVTPL | -757 | 0 |
| Verlies op verkoop van overige investeringen | -607 | 0 |
| Overige | -334 | -628 |
| -14.254 | -7.670 |
De kosten met betrekking tot aandelen gewaardeerd aan FVTPL hebben betrekking op de overige investeringen in toelichting 19.
Overige financiële kosten stijgen in vergelijking met 2019, dit voornamelijk als gevolg van gestegen niet-gerealiseerde koersverschillen. Deze stijging wordt onder andere verklaard door het niet-gerealiseerd wisselkoersverlies op de NOK obligatielening (USD 2,2 miljoen). In 2019 werd een gerealiseerde koerswinst gerealiseerd als een gevolg van de terugbetaling van de vorige obligatielening.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| FINANCIËLE OPBRENGSTEN EN KOSTEN DIRECT OPGENOMEN IN HET EIGEN VERMOGEN | ||
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures, aandeel in niet-gerealiseerde resultaten | 93 | -3.555 |
| Omrekeningsverschillen | 5.125 | 409 |
| 5.218 | -3.146 | |
| Erkend in: | ||
| Omrekeningsreserve | 5.517 | 343 |
| Afdekkingsreserve | -320 | -3.486 |
| Minderheidsbelang | 21 | -3 |
| 5.218 | -3.146 |
In bepaalde van onze joint ventures werden interest rate swaps (IRS) contracten afgesloten om het variabel intrest risico in te dekken. De marktwaarden van deze IRS-contracten zijn significant gedaald in 2019, het effect van deze daling werd geregistreerd via de afdekkingsreserve in 2019. De beweging op de omrekeningsreserve is voornamelijk het gevolg van de USD/EUR wisselkoers.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| WINSTBELASTINGEN | ||
| Belastingen over het boekjaar | -1.218 | -4.633 |
| Correcties op voorgaande jaren | 198 | 301 |
| WINSTBELASTINGEN | -1.020 | -4.332 |
| UITGESTELDE WINSTBELASTING | 0 | 0 |
| -1.020 | -4.332 |
2020 2019
| AANSLUITING MET HET EFFECTIEVE BELASTINGTARIEF | ||
|---|---|---|
| RESULTAAT VOOR BELASTINGEN | 92.980 | -8.870 |
| BELASTINGEN AAN NATIONAAL TARIEF | -25% | -23.245 -29,58% 2.624 |
| Tax impact aandeel in het resultaat van ondernemingen geconsolideerd | -4.457 | 520 |
| volgens de vermogensmutatie methode - belastingeffect | ||
| Afwijking als gevolg van: | ||
| Impact belastingtarieven in andere landen | 24.470 | -3.071 |
| Niet-aftrekbare kosten | -488 | -385 |
| Overige belastingen ( *) |
-518 | -813 |
| Verliezen van het boekjaar en belastingkredieten waarvoor geen uitgestelde belastingvordering werd opgezet |
-7.618 | -13.151 |
| Aanwending fiscaal overgedragen verliezen, belastingkredieten en overige taksvoordelen waarvoor voordien geen uitgestelde belastingsvordering werd opgezet |
10.671 | 10.449 |
| Fiscaal vrijgestelde opbrengsten | -30 | -806 |
| Aanpassingen met betrekking tot voorgaande boekjaren | 195 | 301 |
| -1,10% | -1.020 48,84% -4.332 |
( *) De overige belastingen hebben voornamelijk betrekking op lokale vennootschapsbelasting betaald in EXMAR Shipmanagement Congo (vaste inrichting van EXMAR Shipmanagement) met betrekking tot NKOSSA.
Op 29 juni 2019 heeft EXMAR haar 50% aandeel in RESLEA, eigenaar van de kantoorgebouwen in Antwerpen, verkocht aan Compagnie Maritime Belge ("CMB"). De investering in deze joint venture werd gedeconsolideerd. De verkoop resulteerde in een meerwaarde van USD 19,2 miljoen.
| Jaareinde 31/12/2019 | |
|---|---|
| A. ONTVANGEN VERGOEDING | |
| Ontvangen vergoeding in kas en kasequivalenten | 18.667 |
| Samenstelling van de ontvangen vergoeding | |
| Verkoop van een joint venture | 24.791 |
| Terugbetaling van een lening toegestaan door een joint venture aan EXMAR | -6.124 |
| 18.667 |
De verkoopprijs voor RESLEA bedraagt EUR 22,2 miljoen (USD 24,8 miljoen). Het verschil met de verkoopprijs gerapporteerd per 30/06/2019 heeft enerzijds betrekking op de aanpassing van de verkoopprijs als gevolg van het aangepaste eigen vermogen gebaseerd op finale cijfers per 30/06/2019 en anderzijds door wijzigingen in de EUR/USD wisselkoers.
| Jaareinde 31/12/2019 | |
|---|---|
| B. MEERWAARDE OP DE VERKOOP VAN EEN JOINT VENTURE | |
| Contractuele vergoeding | 24.791 |
| Boekwaarde van de verkochte joint venture | -5.627 |
| 19.164 |
| Shipping | Infrastructuur | Schepen in aanbouw - vooruit betalingen ( *) |
Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2019 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2019 Mutaties tijdens het boekjaar |
118.972 | 472.377 | 0 | 591.349 |
| Aankopen Verkopen |
5.353 -2.378 |
13.736 0 |
15.470 0 |
34.559 -2.378 |
| Omrekeningsverschillen SALDO PER 31 DECEMBER 2019 |
0 121.947 |
0 486.113 |
0 15.470 |
0 623.529 |
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2020 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2020 Mutaties tijdens het boekjaar |
121.947 | 486.113 | 15.470 | 623.529 |
| Aankopen ( **) Intercalaire intresten |
821 0 |
1.060 0 |
15.470 2.222 |
17.350 2.222 |
| Verkopen Omrekeningsverschillen |
-417 0 |
0 0 |
0 0 |
-417 0 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2020 | 122.350 | 487.173 | 33.163 | 642.684 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2019 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2019 Mutaties tijdens het boekjaar |
14.754 | 12.172 | 0 | 26.926 |
| Afschrijvingen Verkopen |
6.200 -2.378 |
16.177 0 |
22.377 -2.378 |
|
| Omrekeningsverschillen SALDO PER 31 DECEMBER 2019 |
0 18.576 |
0 28.349 |
0 | 0 46.925 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2020 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2020 Mutaties tijdens het boekjaar |
18.576 | 28.349 | 0 | 46.925 |
| Afschrijvingen Verkopen |
11.564 -417 |
23.190 0 |
34.754 -417 |
|
| Omrekeningsverschillen SALDO PER 31 DECEMBER 2020 |
0 29.723 |
0 51.539 |
0 | 0 81.261 |
| NETTO BOEKWAARDE | ||||
| NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2019 NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2020 |
103.371 92.627 |
457.764 435.634 |
15.470 33.163 |
576.605 561.424 |
( *) De vooruitbetalingen met betrekking tot schepen in aanbouw werden gepresenteerd onder schepen in de geconsolideerde balans. De gedane vooruitbetalingen geven EXMAR geen eigendomsrechten voor de finale oplevering van het schip. De vooruitbetalingen hebben betrekking op 2 VLGC schepen met LPG als brandstof. De levering van deze twee schepen wordt verwacht in het tweede en derde kwartaal van 2021.
( **) Gedurende 2020 werden er extra investeringen uitgevoerd met betrekking tot de TANGO FLNG (Infrastructuur segment). De investeringen in het shipping segment hebben voornamelijk betrekking op gekapitaliseerde droogdokkosten.
De schepen werden in pand gegeven als zekerheid voor de onderliggende schulden. We verwijzen naar toelichting 25 voor meer informatie met betrekking tot deze onderliggende schulden.
Door de huidige marktomstandigheden heeft het management besloten om de geschatte gebruiksduur van de "pressurized" vloot te verkorten van 30 jaar naar 20 jaar en dit vanaf boekjaar 2020. Deze wijziging heeft een effect van USD 5,4 miljoen extra afschrijvingen in de geconsolideerde financiële staten.
De specifieke kosten welke gemaakt en geactiveerd werden met betrekking tot het YPF contract werden volledig afgeschreven in 2020 als gevolg van de stopzetting van het contract (extra effect van USD 5,8 miljoen).
Voor de schepen welke in volle eigendom worden aangehouden, werden interne en externe aanwijzingen geëvalueerd dewelke aangeven dat de vloot al dan niet getest dient te worden op het bestaan van een mogelijke waardevermindering. De boekwaarde van de vloot wordt vergeleken met de realiseerbare waarde van de vloot, dewelke de hoogste waarde is van de reële waarde verminderd met de verkoopkosten en de gebruikswaarde. De reële waarde verminderd met de verkoopkosten is gebaseerd op de gemiddelde reële waarde zoals vastgesteld door twee onafhankelijke scheepsmakelaars. De reële waarde wordt gecorrigeerd met een gemiddelde makelaarscommissie, dewelke betaald dient te worden bij verkoop van een schip. De gebruikswaarde is gebaseerd op de verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tot hun huidige waarde en rekening houdende met huidige marktverwachtingen met betrekking tot vrachttarieven, personeelskosten en operationele kosten. De kasstromen zijn gebaseerd op interne informatie en een gevoeligheidsanalyse wordt uitgevoerd op iedere assumptie. Het verdisconteerde kasstroommodel gebruikt door het management omvat kasstromen voor de resterende levensduur van de vloot. Kasstromen voor de eerste drie jaren worden ingeschat door het management zowel gebaseerd op ervaring uit het verleden als op huidige marktverwachtingen met betrekking tot volumes en vrachttarieven. Vrachttarieven en operationele kosten na deze periode van drie jaar worden verwacht te evolueren in lijn met de geschatte inflatie. De gebruikte verdisconteringsvoet is een gewogen gemiddelde kapitaalkost van 6% voor het shipping segment en 7% tot 8,5% voor het infrastructuur segment.
Voor de FSRU heeft het management geconcludeerd dat er geen waardevermindering noodzakelijk is gebaseerd op de gebruikswaarde onder het huidige tewerkstellingscontract.
Voor de TFLNG heeft het management de waarde van het actief geëvalueerd rekening houdende met de stopzetting van het tewerkstellingscontract. Bij het uitvoeren van deze evaluatie heeft het management rekening gehouden met de reële waarde verminderd met de verkoopkosten, gebaseerd op de marktwaarde bepaald door twee onafhankelijke scheepsmakelaars en met de gebruikswaarde. Bij de berekening van deze gebruikswaarde heeft het management rekening gehouden met de huidige marktomstandigheden, een verdisconteringsvoet specifiek voor het actief en huidig lopende onderhandelingsvoorwaarden met verschillende partijen in het kader van een nieuw lange termijn tewerkstellingscontract voor de TANGO FLNG. Het gebruikte model houdt onder andere rekening met assumpties aangaande toekomstig te betalen huur, de termijn van het contract en het aantal maanden tussen twee contracten. Management heeft een sensitiviteitsanalyse toegepast om het effect van een wijziging in verdisconteringsvoet (+1%) en toekomstige te betalen huur (-10%) te simuleren. Deze analyse toont nog steeds een marge, hoewel wel beperkter in beide scenario's. Gebaseerd op de uitgevoerde evaluatie, is het management van oordeel dat er geen waardeverminderingscorrectie noodzakelijk is op dit moment.
Voor de schepen welke in gezamenlijke eigendom worden aangehouden, werden interne en externe aanwijzingen voor een bijzondere waardevermindering geëvalueerd gelijkaardig als voor de vloot in volle eigendom. We verwijzen in dit verband naar toelichting 15.
| Terreinen en gebouwen |
Machines en uitrusting |
Meubilair en installatie |
Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2019 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2019 | 4.025 | 1.325 | 4.967 | 10.317 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Aanschaffingen | 0 | 74 | 262 | 336 |
| Verkopen / buitengebruikstellingen | 0 | -2 | -558 | -561 |
| Omrekeningsverschillen SALDO PER 31 DECEMBER 2019 |
-76 3.949 |
2 1.398 |
-38 4.633 |
-112 9.980 |
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2020 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2020 Mutaties tijdens het boekjaar |
3.949 | 1.398 | 4.633 | 9.980 |
| Aanschaffingen | 0 | 30 | 162 | 192 |
| Verkopen / buitengebruikstellingen | 0 | -1 | -618 | -619 |
| Omrekeningsverschillen | 365 | -16 | 141 | 490 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2020 | 4.314 | 1.411 | 4.319 | 10.043 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2019 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2019 | 3.276 | 1.098 | 3.911 | 8.285 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Afschrijvingen | 30 | 143 | 376 | 549 |
| Verkopen / buitengebruikstellingen | 0 | -2 | -558 | -561 |
| Omrekeningsverschillen | -62 | 2 | -31 | -90 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2019 | 3.244 | 1.241 | 3.698 | 8.183 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2020 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2020 | 3.244 | 1.241 | 3.698 | 8.183 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Afschrijvingen | 30 | 97 | 281 | 409 |
| Verkopen / buitengebruikstellingen | 0 | -1 | -618 | -619 |
| Omrekeningsverschillen | 302 | -16 | 106 | 391 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2020 | 3.576 | 1.321 | 3.466 | 8.363 |
| NETTO BOEKWAARDE | ||||
| NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2019 | 706 | 157 | 934 | 1.797 |
| NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2020 | 737 | 90 | 853 | 1.680 |
| Concessies, octrooien, licenties, enz. |
|
|---|---|
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2019 | |
| SALDO PER 1 JANUARI 2019 Mutaties tijdens het boekjaar Aanschaffingen Verkopen / buitengebruikstellingen Omrekeningsverschillen SALDO PER 31 DECEMBER 2019 |
3.048 122 -453 -32 2.685 |
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2020 | |
| SALDO PER 1 JANUARI 2020 Mutaties tijdens het boekjaar Aanschaffingen Verkopen / buitengebruikstellingen Omrekeningsverschillen SALDO PER 31 DECEMBER 2020 |
2.685 17 -321 95 2.475 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2019 | |
| SALDO PER 1 JANUARI 2019 Mutaties tijdens het boekjaar Afschrijvingen Verkopen / buitengebruikstellingen Omrekeningsverschillen SALDO PER 31 DECEMBER 2019 |
2.643 145 -267 -31 2.490 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2020 | |
| SALDO PER 1 JANUARI 2020 Mutaties tijdens het boekjaar Afschrijvingen Verkopen / buitengebruikstellingen Omrekeningsverschillen SALDO PER 31 DECEMBER 2020 |
2.490 140 -321 95 2.403 |
| NETTO BOEKWAARDE | |
| NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2019 NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2020 |
195 73 |
EXMAR Groep heeft voor de eerste maal IFRS 16 toegepast per 1 januari 2019. IFRS 16 schrapt de classificatie van leaseovereenkomsten tussen operationele en financiële leaseovereenkomsten voor de leasingnemer een introduceert één enkel model voor boekhoudkundige verwerking van leaseovereenkomsten voor de leasingnemer. Als gevolg daarvan heeft de Groep een recht-op-gebruik (right-of-use asset) en een leaseverplichting erkend om de onderliggende rechten en verplichtingen uit te drukken. We verwijzen naar toelichting 25 voor de leaseverplichtingen.
| Gebouwen | Motor voertuigen |
IT materiaal | Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2019 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2019 | 5.529 | 6.901 | 596 | 13.026 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Aankopen | 172 | 12.369 | 0 | 12.541 |
| Verkopen / buitengebruikstellingen | -48 | -73 | 0 | -121 |
| Omrekeningsverschillen | 24 | 0 | 0 | 24 |
| Contract herwaardering/ contract aanpassing | 25 | -1 | 29 | 53 |
| Transfer ( *) |
0 | -17.166 | 0 | -17.166 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2019 | 5.702 | 2.030 | 625 | 8.357 |
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2020 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2020 | 5.702 | 2.030 | 625 | 8.357 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Aankopen | 1.021 | 0 | 0 | 1.021 |
| Verkopen / buitengebruikstellingen | -153 | -2.030 | 0 | -2.184 |
| Omrekeningsverschillen | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Contract herwaardering/ contract aanpassing | 17 | 0 | 0 | 17 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2020 | 6.586 | 0 | 625 | 7.211 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2019 | ||||
| SALDO PER 1 JANUARI 2019 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Afschrijvingen | 1.721 | 1.764 | 215 | 3.700 |
| Waardeverminderingen | 0 | 4.712 | 0 | 4.712 |
| Omrekeningsverschillen | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Transfer ( *) |
0 | -6.166 | 0 | -6.166 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2019 | 1.721 | 310 | 215 | 2.246 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN 2020 | ||||
| AANSCHAFFINGSWAARDE 2020 | 1.721 | 310 | 215 | 2.246 |
| Saldo per 1 januari 2020 | ||||
| Afschrijvingen | 1.818 | 0 | 149 | 1.968 |
| Verkopen/ buitengebruikstellingen | -153 | -310 | 0 | -464 |
| Omrekeningsverschillen | 0 | 0 | 0 | 0 |
| SALDO PER 31 DECEMBER 2020 | 3.386 | 0 | 364 | 3.750 |
| NETTO BOEKWAARDE | ||||
| NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2019 | 3.981 | 1.720 | 410 | 6.111 |
| NETTO BOEKWAARDE PER 31 DECEMBER 2020 | 3.201 | 0 | 260 | 3.461 |
( *) De wijziging in de gebruiksrechten met betrekking tot motorvoertuigen kan grotendeels verklaard worden door de aankoop van een vliegtuig (aankoopverplichting). In de loop van 2019 werd een waardevermindering van USD 4,7 miljoen geregistreerd in het overzicht van gerealiseerde resultaten om de huidige marktwaarde van het actief te weerspiegelen. Per 31 december 2019 en per 31 december 2020 werd het vliegtuig gepresenteerd als vast actief aangehouden voor verkoop in de geconsolideerde balans. We verwijzen in dit verband eveneens naar toelichting 18 van dit jaarverslag.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| INVESTERINGEN IN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES | ||
| SALDO PER 1 JANUARI | 95.557 | 104.490 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||
| Aandeel in de winst/ het verlies (-) | -17.830 | 1.757 |
| Door de groep ontvangen dividenden | -3.814 | -5.000 |
| Wijzigingen in consolidatie scope ( *) |
50 | -5.359 |
| Toewijzing negatief eigen vermogen ( **) |
-759 | 3.224 |
| Omrekeningsverschillen | 413 | -69 |
| Wijzigingen in het geconsolideerd overzicht van niet-gerealiseerde resultaten van geassocieerde ondernemingen en joint ventures |
-320 | -3.486 |
| Overige | 0 | 0 |
| SALDO PER 31 DECEMBER | 73.298 | 95.557 |
( *) De wijzigingen in de consolidatie scope heeft in 2020 betrekking op de nieuwe joint-venture AEX LNG management en in 2019 op de verkoop van RESLEA (we verwijzen in dit verband naar toelichting 10 voor meer informatie) en de verkoop van de BIM ondernemingen (Bureau International Maritime NV, Bureau International Maritime Congo and Compagnie Parisienne Formation et Logistique).
( **) De geassocieerde ondernemingen en joint ventures waarvan het aandeel in het eigen vermogen negatief is, worden toegewezen aan de andere componenten van het belang van de investeerder in de geassocieerde onderneming of joint venture. Wanneer het negatieve eigen vermogen dit belang overtreft, dan wordt een corresponderende verplichting geregistreerd in dit verband. In totaal werd een bedrag van USD 10,6 miljoen toegewezen aan negatief eigen vermogen.
EXMAR heeft alle bestaande gezamenlijke overeenkomsten geanalyseerd en heeft hieruit geconcludeerd dat alle gezamenlijke overeenkomsten joint ventures betreffen en dit in overeenstemming met IFRS 11 "gezamenlijke overeenkomsten".
EXMAR heeft garanties geboden aan financiële instellingen dewelke financieringen hebben toegekend aan haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures. Per 31 december 2020, stond een bedrag van USD 511miljoen (2019: USD 543,4 miljoen) open onder dergelijke financieringen, waarvan EXMAR USD 255,5 miljoen gegarandeerd heeft (2019: USD 271,7 miljoen). We verwijzen in dit verband eveneens naar toelichting 29. EXMAR heeft geen materiële voorwaardelijke verplichtingen ten opzichte van haar joint ventures en geassocieerde vennootschappen. Er werden geen andere verplichtingen buiten de hiervoor genoemde garanties toegekend door EXMAR aan haar joint ventures en geassocieerde ondernemingen.
Als gevolg van wettelijke verplichtingen en financieringsovereenkomsten, kunnen onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures beperkt zijn in het betalen van dividenden of in het terugbetalen van aandeelhoudersleningen. Onder de financieringsovereenkomsten kunnen onze geassocieerde ondernemingen of joint ventures enkel een vergoeding uitkeren wanneer er geen convenanten worden geschonden. Onder het Wetboek van Vennootschappen kan er geen vergoeding van kapitaal plaats vinden wanneer het eigen vermogen lager is dan of als gevolg van de uitkering zou dalen onder, het gestorte kapitaal verhoogd met de onbeschikbare reserves.
Voor de schepen welke in gezamenlijke eigendom worden aangehouden, werden interne en externe aanwijzingen voor een bijzondere waardevermindering geëvalueerd gelijkaardig als voor de vloot in volle eigendom. We verwijzen in dit verband naar toelichting 11. In 2020 werd een aandeel in het verlies van deze joint ventures en geassocieerde vennootschappen geregistreerd, dit verlies wordt voornamelijk verklaard door een geregistreerde waardevermindering op onze oudere schepen (USD 28,5 miljoen voor EXMAR's aandeel).
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| ACTIVA | ||
| Investeringen in joint ventures | 66.167 | 86.697 |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen | 7.131 | 8.860 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 41.314 | 49.979 |
| 114.612 | 145.536 | |
| VERPLICHTINGEN | ||
| Investeringen in joint ventures | 0 | 0 |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen | 0 | 0 |
| 0 | 0 |
| Segment | JV partner | Beschrijving activiteiten | |
|---|---|---|---|
| JOINT VENTURES | |||
| AEX LNG management | Ondersteunde diensten |
Anglo-Eastern | Nieuwbouwsupervisie en management van LNG schepen voor eigenaars (derden) |
| Estrela Ltd | Infrastructuur | ASS | Eigenaar van het accommodatie platform NUNCE |
| Exmar Gas Shipping Ltd | Shipping | TEEKAY LPG | Eigenaar van de midsize schepen TOURAINE |
| Exmar LPG BV | Shipping | TEEKAY LPG | Holding vennootschap voor Exmar-Teekay LPG activiteiten |
| Exmar Shipping BV | Shipping | TEEKAY LPG | Eigenaar van 19 midsize schepen, 5 schepen onder financiële leasing |
| Good Investment Ltd | Shipping | TEEKAY LPG | Time-charter overeenkomst voor de VLGC BW TOKYO |
| Monteriggioni Inc | Shipping | MOL Eigenaar van de LNG tanker EXCEL dewelke verkocht werd in 2017 | |
| Solaia Shipping Llc | Shipping | TEEKAY LNG | Eigenaar van de LNG tanker EXCALIBUR |
| Segment | Eigendoms% | Beschrijving activiteiten | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN | |||||||||
| Bexco NV | Ondersteunende diensten |
44,91% | Produceert touwen voor de martieme en offshore industrie | ||||||
| Marpos NV | Ondersteunende diensten |
45,00% | Levert afvaloplossingen voor de maritieme industrie | ||||||
| Electra Offshore Ltd | Infrastructuur | 40,00% | Eigenaar van het accommodatie platform WARIBOKO | ||||||
| Exview Hong Kong Ltd | Infrastructuur | 40,00% | Bareboat eigenaar van het accommodatie platform WARIBOKO | ||||||
| Springmarine Nigeria Ltd | Infrastructuur | 40,00% | Time-charter overeenkomst voor het accommodatie platform WARIBOKO |
De financiële informatie hieronder gepresenteerd omvat de IFRS cijfers van de joints ventures en de geassocieerde ondernemingen en niet EXMAR's deel van deze cijfers.
| JOINT VENTURE PARTNER | TEEKAY LPG | MOL | |
|---|---|---|---|
| SEGMENT | Shipping | Shipping | |
| PERCENTAGE EIGENDOMSBELANG | 50% | 50% |
| 31 DECEMBER 2020 | ||
|---|---|---|
| Vaste activa | 666.655 | 0 |
| Vlottende activa | 48.100 | 4.778 |
| waarvan kas en kasequivalenten | 32.225 | 4.778 |
| Verplichtingen op lange termijn | 545.924 | 3.522 |
| waarvan bankleningen | 259.370 | 0 |
| waarvan schulden mbt financiële leasing | 202.023 | 0 |
| waarvan overige leningen | 84.531 | 0 |
| Verplichtingen op korte termijn | 74.660 | 28 |
| waarvan bankleningen | 26.080 | 0 |
| waarvan schulden mbt financiële leasing | 34.574 | 0 |
| waarvan overige leningen | 0 | 0 |
| Opbrengsten | 173.341 | 0 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 87.235 | 0 |
| Intrestopbrengsten | 1.792 | 56 |
| Intrestkosten | 25.287 | 0 |
| Belastingen | 6 | 0 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | -6.528 | -45 |
| Niet-gerealiseerde resultaten | -349 | 0 |
| TOTAAL VAN GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | -6.877 | -45 |
| EIGEN VERMOGEN (100%) | 94.171 | 1.228 |
| AANDEEL VAN EXMAR IN HET EIGEN VERMOGEN | 47.086 | 614 |
| AANDEEL IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN PER 1 JANUARI 2020 |
50.523 | 636 |
| Aandeel van de groep in totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | -3.439 | -23 |
| Door de groep ontvangen dividenden | 0 | 0 |
| Andere | 0 | 0 |
| AANDEEL IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN PER 31 DECEMBER 2020 |
47.086 | 614 |
| TOEWIJZING NEGATIEF EIGEN VERMOGEN | 8.964 | 0 |
| AANDEEL IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN 31 DECEMBER 2020 NA TOEWIJZING NEGATIEF EIGEN VERMOGEN |
56.050 | 614 |
( *) EXMAR Ship Management ("EXMAR") en Anglo-Eastern Univan Groep (" Anglo-Eastern") hebben een joint venture opgericht ("JV") gericht op de nieuwbouwsupervisie en management van LNG schepen van eigenaars (derden).
126
| TEEKAY LNG | ASS | Anglo Eastern | ASSOCIATES | TOTAL | ||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Shipping | Infrastructuur | Diensten AEX |
Diensten Bexco |
Diensten Marpos |
Infrastructuur WARIBOKO companies |
|
| 50% | 50% | 50% ( *) |
45% | 45% | 40% | |
| 29.299 | 14.911 | 0 | 7.545 | 441 | 9.168 | 728.018 |
| 13.752 | 946 | 334 | 33.551 | 1.212 | 11.031 | 113.705 |
| 9.857 | 891 | 196 | 302 | 917 | 147 | 49.313 |
| 0 | 0 | 750 | 4.353 | 0 | 8.208 | 562.757 |
| 0 | 0 | 0 | 3.859 | 0 | 0 | 263.230 |
| 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 202.023 |
| 0 | 0 | 750 | 0 | 0 | 8.208 | 93.489 |
| 39.635 | 266 | 31 | 26.489 | 667 | 10.834 | 152.609 |
| 31.723 | 0 | 0 | 3.593 | 0 | 0 | 61.396 |
| 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 34.574 |
| 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 1.500 | 1.500 |
| 20.006 | 10.448 | 0 | 23.395 | 1.851 | -7.294 | 221.747 |
| 38.754 | 1.755 | 0 | 1.028 | 73 | 1.897 | 130.741 |
| 12 | 0 | 0 | 0 | 1 | 0 | 1.862 |
| 1.766 | 0 | 0 | 225 | 9 | 1.106 | 28.392 |
| 0 | 0 | 0 | 49 | 72 | 0 | 127 |
| -26.621 | 2.182 | -547 | 2.053 | 198 | -7.654 | -36.961 |
| -291 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | -640 |
| -26.912 | 2.182 | -547 | 2.053 | 198 | -7.654 | -37.601 |
| 3.416 1.708 |
15.592 7.796 |
-447 -224 |
10.254 4.605 |
986 444 |
1.158 463 |
|
| 15.164 | 10.190 | 0 | 3.534 | 420 | 3.743 | 84.208 |
| -13.456 | 1.091 | -274 | 922 | 89 | -3.061 | -18.150 |
| 0 | -3.486 | 0 | -227 | -101 | 0 | -3.814 |
| 0 | 0 | 50 | 377 | 36 | 0 | 463 |
| 1.708 | 7.796 | -224 | 4.605 | 444 | 680 | 62.709 |
| 0 | 0 | 224 | 0 | 0 | 1.402 | 10.590 |
| 1.708 | 7.796 | 0 | 4.605 | 444 | 2.082 | 73.298 |
JOINT VENTURE PARTNER
| JOINT VENTURE PARTNER | TEEKAY LPG | MOL |
|---|---|---|
| SEGMENT | Shipping | Shipping |
| PERCENTAGE EIGENDOMSBELANG | 50% | 50% |
| 31 DECEMBER 2019 | ||
| Vaste activa | 735.715 | 0 |
| Vlottende activa | 50.215 | 4.744 |
| waarvan kas en kasequivalenten | 28.704 | 4.743 |
| Verplichtingen op lange termijn | 591.970 | 3.466 |
| waarvan bankleningen | 250.842 | 0 |
| waarvan schulden mbt financiële leasing | 236.597 | 0 |
| waarvan overige leningen | 104.531 | 0 |
| Verplichtingen op korte termijn | 92.911 | 5 |
| waarvan bankleningen | 42.580 | 0 |
| waarvan schulden mbt financiële leasing | 34.174 | 0 |
| waarvan overige leningen | 3.000 | 0 |
| Opbrengsten | 149.255 | 0 |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 59.174 | 0 |
| Intrestopbrengsten | 4.786 | 77 |
| Intrestkosten | 35.256 | 0 |
| Belastingen | 5 | 0 |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | -2.924 | -3.427 |
| Niet-gerealiseerde resultaten | -5.950 | 0 |
| TOTAAL VAN GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | -8.874 | -3.427 |
| EIGEN VERMOGEN (100%) | 101.049 | 1.273 |
| AANDEEL VAN EXMAR IN HET EIGEN VERMOGEN | 50.523 | 636 |
| AANDEEL GROEP IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN PER 1 JANUARI 2019 |
54.960 | 2.350 |
| Aandeel van de groep in totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | -4.437 | -1.714 |
| Door de groep ontvangen/ betaalde dividenden | 0 | 0 |
| Andere | 0 | 0 |
| AANDEEL GROEP IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN PER 31 DECEMBER 2019 |
50.523 | 636 |
| TOEWIJZING NEGATIEF EIGEN VERMOGEN | 10.182 | 0 |
| AANDEEL GROEP IN TOTALE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN PER 31 DECEMBER 2019 NA TOEWIJZING NEGATIEF EIGEN VERMOGEN |
60.705 | 636 |
( *) Op 29 juni 2019 heeft EXMAR haar 50% aandeel in RESLEA, eigenaar van de kantoorgebouwen in Antwerpen, verkocht aan Compagnie Maritime Belge ("CMB"). We verwijzen in dit verband verder naar toelichting 10.
( **) De ondernemingen Bureau International Maritime NV, Bureau International Maritime Congo en Compagnie Parisienne Formation et Logistique werden niet langer opgenomen als geassocieerde ondernemingen als gevolg van de verkoop van de aandelen in deze ondernemingen in december 2019 (verlies van USD 0,2 miljoen).
128
| ASS | TEEKAY LNG | CMB | ASSOCIATES | TOTAL | |||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Infrastructuur | Shipping | Diensten | Diensten Bexco |
Diensten Marpos |
Infrastructuur WARIBOKO ondernemingen |
Diensten BIM ondernemingen |
|
| 50% | 50% | 50% ( *) |
45% | 45% | 40% | 40% ( **) |
|
| 16.667 | 68.052 | 0 | 7.143 | 402 | 10.615 | 0 | 838.594 |
| 5.193 | 8.751 | 0 | 20.471 | 1.234 | 13.188 | 0 | 103.796 |
| 3.119 | 5.427 | 0 | 337 | 811 | 2.348 | 0 | 45.489 |
| 0 | 32.028 | 0 | 4.142 | 0 8.558 |
0 | 640.164 | |
| 0 | 31.723 | 0 | 3.732 | 0 0 |
0 | 286.297 | |
| 0 | 0 | 0 | 0 | 0 0 |
0 | 236.597 | |
| 0 | 0 | 0 | 0 | 0 8.558 |
0 | 113.089 | |
| 1.479 | 14.447 | 0 | 15.605 | 704 | 6.434 | 0 | 131.585 |
| 0 | 11.660 | 0 | 9.878 | 0 0 |
0 | 64.118 | |
| 0 | 0 | 0 | 0 | 0 0 |
0 | 34.174 | |
| 0 | 0 | 0 | 0 | 0 500 |
0 | 3.500 | |
| 10.545 | 22.302 | 989 | 32.517 | 2.042 | 11.529 | 2.186 | 231.365 |
| 2.295 | 6.961 | 511 | 963 | 53 | 1.892 | 246 | 72.095 |
| 0 | 392 | 0 | 0 0 |
14 | 5.269 | ||
| 0 | 2.561 | 173 | 155 | 4 1.199 |
18 | 39.366 | |
| 0 | 0 | 234 | -35 | 86 | 29 | 0 | 319 |
| 1.072 | 7.995 | 402 | 519 | 207 | 806 | -1.129 | 3.521 |
| 0 | -1.022 | 0 | 0 | 0 0 |
0 | -6.972 | |
| 1.072 | 6.973 | 402 | 519 | 207 | 806 | -1.129 | -3.451 |
| 20.381 | 30.328 | 0 | 7.867 | 932 | 8.811 | 0 | |
| 10.190 | 15.164 | 0 | 3.534 | 420 | 3.524 | 0 | |
| 11.654 | 14.676 | 4.914 | 3.364 | 333 | 3.420 | 696 | 96.365 |
| 536 | 3.488 | 201 | 233 | 93 | 322 | -452 | -1.729 |
| -2.000 | -3.000 | 0 | 0 | 0 0 |
-5.000 | ||
| 0 | 0 | -5.115 | -63 | -6 0 |
-244 | -5.428 | |
| 10.190 | 15.164 | 0 | 3.534 | 420 | 3.743 | 0 | 84.208 |
| 0 | 0 | 0 | 0 | 0 1.167 |
0 | 11.349 | |
| 10.190 | 15.164 | 0 | 3.534 | 420 | 4.910 | 0 | 95.557 |
| Shipping | Infrastructuur | Ondersteunen de diensten |
Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| LENINGEN AAN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES | ||||
| PER 1 JANUARI 2019 | 45.363 | 8.840 | 0 | 54.203 |
| Nieuwe leningen | 0 | 0 | 0 | |
| Terugbetalingen | 0 | -1.000 | -1.000 | |
| Wijzigingen in toegewezen negatief eigen vermogen ( *) |
-3.296 | 72 | -3.224 | |
| PER 31 DECEMBER 2019 | 42.067 | 7.912 | 0 | 49.979 |
| MEER DAN ÉÉN JAAR | 42.067 | 7.412 | 0 | 49.479 |
| MINDER DAN ÉÉN JAAR | 0 | 500 | 0 | 500 |
| LENINGEN AAN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES | ||||
| PER 1 JANUARI 2020 | 42.067 | 7.912 | 0 | 49.979 |
| Nieuwe leningen | 0 | 200 | 375 | 575 |
| Terugbetalingen | -10.000 | 0 | 0 | -10.000 |
| Wijzigingen in toegewezen negatief eigen vermogen ( *) |
1.218 | -236 | -223 | 759 |
| PER 31 DECEMBER 2020 | 33.285 | 7.876 | 152 | 41.313 |
| MEER DAN ÉÉN JAAR | 23.285 | 6.376 | 152 | 29.813 |
| MINDER DAN ÉÉN JAAR | 10.000 | 1.500 | 0 | 11.500 |
( *) De geassocieerde ondernemingen en joint ventures waarvan het aandeel in het eigen vermogen negatief is, worden toegewezen aan de andere componenten van het belang van de investeerder in de geassocieerde onderneming of joint venture. Wanneer het negatieve eigen vermogen dit belang overtreft, dan wordt een corresponderende verplichting geregistreerd in dit verband. In totaal werd een bedrag van USD 10,6 miljoen toegewezen aan negatief eigen vermogen.
De activiteiten en activa van een aantal van onze joint ventures en geassocieerde ondernemingen worden gefinancierd door aandeelhoudersleningen toegekend door EXMAR aan de respectievelijke joint venture en geassocieerde onderneming. Het korte termijn gedeelte van deze leningen wordt gepresenteerd als overige vordering. De saldo's vermeld tussen haakjes vertegenwoordigen de uitstaande vorderingen inclusief toewijzing negatief eigen vermogen.
Beide aandeelhouders hebben aandeelhoudersleningen toegekend aan EXMAR LPG in 2013. Terugbetalingen gebeuren afhankelijk van de beschikbaarheid van liquiditeiten en alleen indien zulke terugbetaling niet resulteert in een inbreuk op de financiële convenanten van de bankleningen bij EXMAR LPG. Het van toepassing zijnde intrest percentage op deze aandeelhoudersleningen bedraagt LIBOR 3 maanden plus 0,5%.
EXMAR Nederland heeft een aandeelhouderslening toegekend aan Electra Offshore Ltd in 2016. De lening wordt terugbetaald afhankelijk van de beschikbaarheid van liquiditeiten. Het intrest percentage op deze faciliteit bedraagt een vast percentage van 12%.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| VASTE ACTIVA AANGEHOUDEN VOOR VERKOOP | ||
| Vliegtuig | 10.000 10.000 |
11.000 11.000 |
Per 31 december 2019 werd het vliegtuig gepresenteerd als vast actief aangehouden voor verkoop in de geconsolideerde balans als gevolg van de intentie van het management om het vliegtuig te verkopen. Gedurende 2019 werd een waardevermindering van USD 4,7 miljoen geregistreerd en gedurende 2020 werd een additionele waardevermindering van USD 1 miljoen geregistreerd om de marktwaarde van het vliegtuig te weerspiegelen.
130
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| EQUITY SECURITIES - FVTPL | ||
| Niet genoteerde aandelen ( *) |
1.061 | 1.004 |
| Genoteerde aandelen ( **) |
292 | 3.166 |
| 1.354 | 4.170 |
( *) De niet genoteerde aandelen betreffen 149 aandelen van Sibelco dewelke werden verworven in 2014.
( **) De genoteerde aandelen hebben betrekking op 116.338 aandelen van Frontera Energy Corporation aan een koers van CAD 3,21 per 31 december 2020 (31 december 2019: CAD 9,8). 149.089 aandelen van Teekay LNG (TGP) werden verkocht gedurende 2020. De verkoop heeft geresulteerd in een netto verlies van USD 0,6 miljoen hetgeen geboekt werd in het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| HANDELS- EN OVERIGE VORDERINGEN | ||
| Handelsvorderingen | 124.795 | 30.028 |
| Kaswaarborgen | 190 | 263 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures (korte termijn) | 11.500 | 500 |
| Overige vorderingen | 4.058 | 7.795 |
| Over te dragen kosten en te ontvangen opbrengsten ( *) |
3.036 | 5.017 |
| 143.580 | 43.603 | |
| WAARVAN FINANCIËLE ACTIVA (TOELICHTING 29) | 137.365 | 35.107 |
( *) "Over te dragen kosten" omvat kosten die reeds werden gefactureerd, maar betrekking hebben op volgende boekjaren, zoals huur, verzekeringen, commissies, brandstoffen,..."Te ontvangen opbrengsten" omvat opbrengsten die nog niet werden gefactureerd maar wel betrekking hebben op het lopend boekjaar, zoals intresten...
Handelsvorderingen stijgen in vergelijking met 2019, voornamelijk als gevolg van de openstaande vordering met betrekking tot de YPF schikkingsvergoeding (zie ook uitleg toelichting 4 van dit jaarverslag).
De blootstelling van de Groep aan krediet- en valutarisico's en waardeverminderingsverliezen met betrekking tot handels- en overige vorderingen wordt toegelicht in toelichting 29.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| ACTUELE BELASTINGVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN | ||
| Actuele belastingvorderingen | 3.472 | 1.353 |
| Actuele belastingverplichtingen | 5.043 | 5.116 |
Een additionele belastingaanslag werd ontvangen voor boekjaar 2017 in 2019 met betrekking tot EXMAR NV. EXMAR betwist deze belastingaanslag en heeft tegelijkertijd een belastingverplichting (om de ontvangen belastingaanslag te tonen) en een belastingvordering (om de betwiste belastingaanslag te tonen) geboekt. Volgens het lokale management is de ontvangen aanslag niet geldig en bijgevolg werd een belastingvordering gelijk aan de belastingverplichting geregistreerd in de geconsolideerde cijfers per 31 december 2019. De situatie is ongewijzigd gebleven per 31 december 2020.
| Vorderingen | Verplichtingen | Vorderingen | Verplichtingen | |
|---|---|---|---|---|
| 31 December 2020 | 31 December 2019 | |||
| UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN IN DETAIL ( *) |
||||
| Schepen | 0 | 556 | 0 | 0 |
| Voorzieningen | 0 | 84 | 0 | 100 |
| Personeelsbeloningen | 1.166 | 0 | 2.254 | 0 |
| UITGESTELDE BELASTINGVORDERING / VERPLICHTING | 1.166 | 640 | 2.254 | 100 |
| Saldering van belastingvordering-en verplichting | -640 | 0 | -100 | 0 |
| Niet-erkenning belastingvordering ( **) |
-526 | 0 | -2.154 | 0 |
| 0 | 0 | 0 | 0 | |
| NIET ERKENDE UITGESTELDE BELASTINGVORDERINGEN EN -VERPLICHTINGEN ( ***) |
||||
| Aftrekbare tijdelijke verschillen | 526 | 0 | 2.154 | 0 |
| Niet gebruikte belastinglatenties ( ***) |
63.894 | 0 | 43.422 | 0 |
| 64.420 | 0 | 45.576 | 0 |
( *) De tijdelijke verschillen dewelke bestaan in onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures werden niet opgenomen in bovenstaand overzicht van uitgestelde belastingsvorderingen en -verplichtingen.
( **) De uitgestelde belastingvordering werd niet erkend aangezien het niet waarschijnlijk is dat toekomstige belastbare winsten beschikbaar zullen zijn tegen dewelke de Groep deze latenties kan gebruiken of omdat de Groep deze toekomstige belastbare winsten niet kan inschatten op een betrouwbare basis.
( ***) Het grootste deel van de niet gebruikte belastinglatenties zijn bijna volledig onbeperkt in de tijd bruikbaar.
EXMAR VERSLAG 2020
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| KAS EN KASEQUIVALENTEN | ||
| GEBLOKKEERDE KASEQUIVALENTEN | 75.575 | 67.270 |
| Bank | 27.967 | 52.145 |
| Kas | 47 | 83 |
| Geldbeleggingen | 180 | 398 |
| NETTO KAS EN KASEQUIVALENTEN | 28.195 | 52.626 |
De geblokkeerde kasequivalenten hebben betrekking op de kredietfaciliteit met de Bank of China voor de TANGO FLNG. Op 26 februari 2020 heeft de Bank of China USD 40 miljoen vrijgegeven van de geblokkeerde rekening (DSRA). Als gevolg van de vervroegde beëindiging van de TANGO FLNG overeenkomsten voorziet de leningsovereenkomst met Bank of China in een aanvulling van de DSRA met USD 40 miljoen. De resterende beweging op de geblokkeerde kasequivalenten kan verklaard worden door de geblokkeerde rekening bij de Bank of China dewelke gebruikt wordt voor de periodieke schuldaflossing.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| AANTAL GEWONE AANDELEN | ||
| Uitgegeven per 1 januari Uitgegeven aandelen per 31 december - volstort |
59.500.000 59.500.000 |
59.500.000 59.500.000 |
De aandelen zijn zonder vermelding van nominale waarde. De houders van gewone aandelen zijn gerechtigd tot dividend en hebben recht om per aandeel één stem uit te brengen tijdens de Algemene Vergadering van de vennootschap.
Er heben geen uitkeringen aan de aandeelhouders plaats gevonden in 2020 en 2019.
De reserve voor eigen aandelen omvat de kostprijs van de aandelen van EXMAR die door de Groep worden aangehouden.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| EIGEN AANDELEN | ||
| Aantal eigen aandelen gehouden per 31 december ( *) |
2.273.263 | 2.273.263 |
| Boekwaarde van de eigen aandelen (in duizenden USD) | 44.349 | 44.349 |
| Gemiddelde kostprijs per aandeel (in EUR) - historische waarde | 14,1507 | 14,1507 |
( *) Er werden geen eigen aandelen verkocht gedurende 2020 naar aanleiding van de uitoefening van opties tijdens het jaar.
De omrekeningsreserve omvat koersverschillen die ontstaan uit de omrekening van in de consolidatie opgenomen balansen en winst- en verliesrekeningen opgemaakt in een andere munt dan de consolidatiemunt.
De afdekkingsreserve bestaat uit het effectieve deel van de cumulatieve netto wijzigingen in de reële waarde van kasstroomafdekkingsinstrumenten met betrekking tot de afgedekte transacties.
In bepaalde van onze joint ventures werden interest rate swaps (IRS) contracten afgesloten om het variabel intrest risico in te dekken.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| WINST PER AANDEEL | ||
| Resultaat van het boekjaar (in USD) | 91.934.362 | -13.218.671 |
| Aantal uitgegeven gewone aandelen per 31 december | 59.500.000 | 59.500.000 |
| Effect van eigen aandelen | -2.273.263 | -2.273.263 |
| Gewogen gemiddeld aantal aandelen per 31 december | 57.226.737 | 57.226.737 |
| 1,61 | -0,23 | |
| VERWATERDE WINST PER AANDEEL | ||
| Resultaat van het boekjaar (in USD) | 91.934.362 | -13.218.671 |
| Gewogen gemiddeld aantal aandelen per 31 december | 57.226.737 | 57.226.737 |
| Gemiddelde slotkoers van één gewoon aandeel gedurende het jaar (in EUR) (a) | 3,38 | 5,65 |
| Gemiddelde uitoefenprijs voor aandelen onder optie (in EUR) (b) | 0,00 | 0,00 |
| Aantal aandelen onder optie (c) | 0 | 0 |
| Aantal aandelen onder optie die tegen reële waarde zou zijn uitgegeven: (c*b)/a | 0 | 0 |
| Gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen gedurende het jaar inclusief opties | 57.226.737 | 57.226.737 |
| 1,61 ( *) |
-0,23 |
( *) Optieplan ,8, 9 en 10 werden niet begrepen in de berekening van de verwaterde winst per aandeel vanwege het anti-verwateringseffect.
| Bankleningen | Overige leningen |
Leasingschulden gebruiksrechten |
Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| LANGETERMIJNLENINGEN PER 31 DECEMBER 2019 | ||||
| PER 1 JANUARI 2019 | 244.937 | 141.930 | 13.026 | 399.893 |
| Nieuwe leningen ( *) |
61.705 | 107.688 | 11.198 | 180.591 |
| Geplande terugbetalingen ( *) |
-43.309 | -125.997 | -2.600 | -171.906 |
| Betaalde transactiekosten | -922 | -1.935 | 0 | -2.857 |
| In resultaat genomen transactiekosten | 2.502 | 1.122 | 0 | 3.624 |
| Omrekeningsverschillen | 0 | -1.393 | -10 | -1.403 |
| Toe te rekenen intrestkosten | -811 | -1.749 | 0 | -2.560 |
| Contract herwaardering/ contract aanpassing | 0 | 0 | 51 | 51 |
| PER 31 DECEMBER 2019 | 264.102 | 119.666 | 21.665 | 405.433 |
| Langer dan 1 jaar | 200.473 | 118.903 | 4.206 | 323.582 |
| Korter dan 1 jaar | 63.629 | 763 | 17.459 | 81.851 |
| PER 31 DECEMBER 2019 | 264.102 | 119.666 | 21.665 | 405.433 |
| Shipping segment | 70.178 | 46.118 | 16.338 | 132.634 |
| Infrastructuur segment | 161.872 | 73.548 | 2.687 | 238.107 |
| Diensten segment | 32.052 | 0 | 2.640 | 34.692 |
| PER 31 DECEMBER 2019 | 264.102 | 119.666 | 21.665 | 405.433 |
| LANGETERMIJNLENINGEN PER 31 DECEMBER 2020 | ||||
| PER 1 JANUARI 2020 | 264.102 | 119.666 | 21.665 | 405.433 |
| Nieuwe leningen ( *) |
11.581 | 1.221 | 1.021 | 13.823 |
| Geplande terugbetalingen ( *) |
-62.036 | 0 | -17.382 | -79.418 |
| Verkopen/ buitengebruikstellingen ROU assets | 0 | 0 | -1.729 | -1.729 |
| In resultaat genomen transactiekosten | 2.298 | 693 | 0 | 2.991 |
| Omrekeningsverschillen | 0 | 2.150 | 81 | 2.231 |
| Toe te rekenen intrestkosten | -1.641 | -88 | 0 | -1.729 |
| Contract herwaardering/ contract aanpassing | 0 | 0 | 17 | 17 |
| PER 31 DECEMBER 2020 | 214.304 | 123.642 | 3.673 | 341.619 |
| Langer dan 1 jaar | 171.739 | 102.967 | 1.882 | 276.588 |
| Korter dan 1 jaar | 42.565 | 20.675 | 1.791 | 65.031 |
| PER 31 DECEMBER 2020 | 214.304 | 123.642 | 3.673 | 341.619 |
| Shipping segment | 65.363 | 46.292 | 332 | 111.987 |
| Infrastructuur segment | 145.247 | 77.350 | 2.307 | 224.904 |
| Diensten segment | 3.694 | 0 | 1.034 | 4.728 |
| PER 31 DECEMBER 2020 | 214.304 | 123.642 | 3.673 | 341.619 |
| 2020 | 2019 | |||
| KREDIETLIJNEN |
Totale kredietlijnen 22.088 36.740 Opgenomen kredietlijnen -3.681 -32.000 Niet opgenomen kredietlijnen 18.407 4.740
( *) De som van de nieuwe bank -en overige leningen wordt weerspiegeld onder "nieuwe leningen" in het geconsolideerd kasstroomoverzicht. De som van de geplande terugbetalingen van de bank- en overige leningen wordt weerspiegeld onder "terugbetalingen van leningen" in het geconsolideerd kasstroomoverzicht.
De bankleningen hebben voornamelijk betrekking op de LPG pressurized vloot faciliteiten en de TANGO FLNG faciliteit.
In het laatste kwartaal van 2018 heeft EXMAR haar LPG vloot geherfinancierd. Vijf schepen werden geherfinancierd onder deze transactie in oktober 2018, één schip werd geherfinancierd in december 2018 en vier schepen in april 2019. De leningen zijn terugbetaalbaar in driemaandelijkse schijven en de van toepassing zijnde intrestvoet bedraagt drie maanden LIBOR plus 2,4%. De laatste terugbetaling is voorzien in december 2025. Alle verplichtingen van de ontlener werden gegarandeerd door EXMAR NV (borgsteller).
Einde juni 2017 heeft EXPORT Lng Limited (een 100% dochteronderneming van EXMAR NV) een financieringsovereenkomst getekend van USD 200 miljoen met de Bank of China (Boc), Deutsche Bank en Sinosure voor de financiering van de TANGO FLNG. De lening werd opgenomen op 27 juli 2017 op het moment van de levering van de TANGO FLNG. De lening met Boc voorziet een terugbetalingstermijn van 12 jaar met zesmaandelijkse terugbetalingen. Deze faciliteit kent een variabele rentevoet van zes maanden LIBOR plus 3%. De jaarlijks geschatte schuldaflossing bedraagt USD 21,3 miljoen. Alle verplichtingen van de ontlener werden gegarandeerd door EXMAR NV (borgsteller). Er bestaat een verplichting voor EXPORT om USD 66 miljoen aan te houden op een geblokkeerde rekening (debt service account). Het verschil met het geregistreerd bedrag aan geblokkeerde kasequivalenten in de geconsolideerde balans kan verklaard worden door de geblokkeerde rekening bij Boc dewelke gebruikt wordt voor de periodieke schuldaflossing.
Voor de financiering van het vliegtuig aangehouden voor verkoop, werd er een lening afgesloten in februari 2020 voor een periode van 1 jaar en een bedrag van USD 9.500.000. Het intrest percentage van toepassing op de lening bedraagt drie maanden LIBOR plus 2,25%. Terugbetalingen bedragen USD 300.000 per kwartaal met een ballon betaling van USD 8.300.000 op het einde van de leningtermijn. In februari 2021 werd een nieuwe financiering gesloten met betrekking tot het vliegtuig.
Overbruggingskrediet - USD 0 (2019: USD 15 miljoen) & opgenomen kredietlijnen - USD 3,7 miljoen (2019: USD 17 miljoen) In februari 2020 werd het overbruggingskrediet van USD 15 miljoen volledig terugetaald. EXMAR heeft USD 3,7 miljoen opgenomen per 31 december 2020 van haar beschikbare kredietlijnen (USD 22,1 miljoen). De van toepassing zijnde intrestvoet bedraagt 2%.
EXMAR VERSLAG 2020
De overige leningen hebben voornamelijk betrekking op een door EXMAR Nederland uitgegeven obligatielening van NOK 650 miljoen toegewezen aan het infrastructuur segment met vervaldag in mei 2022. Het intrestpercentage van toepassing op deze obligatielening bedraagt NIBOR drie maanden plus een marge van 8,75%. In juni 2019 werd de voorgaande obligatielening voor een bedrag van NOK 1 biljoen volledig terugbetaald. Alle uitgegeven obligaties werden gegarandeerd door EXMAR NV ("borgsteller"). EXMAR NV moet ten allen tijde rechtstreeks of onrechtstreeks een 100% belang aanhouden in de uitgever. De NOK/USD verhouding en het intrestrisico van de NOK obligatielening zijn niet ingedekt door financiële instrumenten. We verwijzen eveneens naar toelichting 29 in dit verband.
EXMAR heeft 2 VLGC schepen in aanbouw bij Jiangnan scheepswerf dewelke geleverd zullen worden gedurende 2021. De twee schepen zullen elk in een vijfjarige (tot tienjarige) charterovereenkomst treden met Equinor van zodra ze geleverd worden door de scheepswerf. EXMAR heeft USD 20 miljoen financiering verkregen en opgenomen in december 2019 van Maritime Asset Partners (MAP) onder de vorm van een financiering voor oplevering. De terugbetalingsdatum van deze financiering is de vroegste van ofwel de leveringsdatum van de schepen ofwel de vervaldag (juni 2021). Het intrestpercentage op de lening bedraagt 10,75% op jaarbasis. De lease financiering van de twee nieuwe VLGC's te leveren midden 2021 is volledig afgerond. Het geleasde bedrag van USD 72 miljoen per schip zal gebruikt worden om de leveringstermijnen aan de werf te betalen en om de prefinancieringaan MAP (USD 10 miljoen / schip) terug te betalen
In het algemeen wordt gesteld dat de leningen aangegaan door EXMAR en haar joint ventures, gewaarborgd zijn door de onderliggende activa dewelke eigendom zijn van EXMAR en van haar joint ventures. Verder bestaan er verschillende panden en andere soorten van garanties dewelke de leningen waarborgen. Dividend beperkingen werden opgenomen als een speciale convenant in de voorwaarden van de obligatielening. EXMAR zal niet overgaan tot de uitkering of betaling van een dividend in cash of in natura dewelke in totaliteit 50% overschrijdt van het geconsolideerd resultaat na belastingen (proportionele consolidatie) gebaseerd op de geauditeerde geconsolideerde financiële staten van het voorgaande boekjaar. EXMAR heeft financiële activa in pand gegeven als zekerheid voor bepaalde schulden. We verwijzen naar toelichting 22 waar het bedrag van geblokkeerde kasequivalenten met betrekking tot kredietovereenkomsten wordt toegelicht.
Verschillende lening convenanten zijn eveneens van toepassing en vereisen naleving van bepaalde financiële ratio's. Deze ratio's worden zesmaandelijks berekend op basis van EXMAR's geconsolideerde cijfers waar de joint ventures niet geconsolideerd worden volgens IFRS 11 maar volgens de proportionele consolidatie methode (analoog met de waarderingsregels gebruikt voor segment rapporteringsdoeleinden). We verwijzen naar onderstaande tabel voor een overzicht van de van toepassing zijnde convenanten.
| VAN TOEPASSING ZIJNDE CONVENANTEN RATIO |
Pressurozed faciliteit |
TANGO FLNG faciliteit |
Obligatielening | Overige ( *) |
Actuele positie 31/12/2020 ( **) |
|---|---|---|---|---|---|
| Minimumn gerealiseerd eigen vermogen | ≥ USD 300 miljoen | ≥ USD 300 miljoen | ≥ USD 300 miljoen | ≥ USD 300 miljoen + 50% van het resultaat indien positief |
USD 545,9 miljoen |
| Minimum vrije cash | ≥ USD 25 miljoen | ≥ USD 25 miljoen | ≥ USD 20 miljoen | ≥ USD 40 miljoen | USD 53,7 miljoen |
| Ratio eigen vermogen (eigen vermogen/ totale activa) |
≥ 25% | ≥ 25% | NVT | ≥ 25% | 44,43% |
| Netto intrestdragende schuld of NIDS/ eigen vermogen |
NVT | NVT | Maximum 2,5 | NVT | 1,04 |
| Rentedekkingsratio (EBITDA/Netto Intrestkosten) |
NVT | min 2:1 | min 2:1 | NVT | 7,24 |
| Werkkapitaal | minimum positief | minimum positief | minimum positief | minimum positief | USD 155,4 miljoen |
| Netto financiële schulden ratio | NVT | NVT | NVT | <70% | 48,93% |
| Openstaande schuld | 83.729 | 145.247 | 76.129 | 31.613 |
( *) De overige convenanten hebben gedeeltelijk betrekking op een leningsbedrag dewelke geregistreerd staat in onze proportionele consolidatie maar niet is onze vermogensmutatie consolidatie. Het openstaand leningsbedrag is bijgevolg niet opgenomen in de bovenstaande tabel. Het openstaand leningsbedrag voor deze convenant in onze proportionele consolidatie bedraagt EUR 15,9 miljoen.
( **) De gepresenteerde actuele bedragen zijn gebaseerd op de meest restrictieve berekeningen.
Per 31 december 2020 voldeed EXMAR aan de van toepassing zijnde convenanten met voldoende marge.
EXMAR volgt voortdurend de naleving van alle convenanten op om ervoor te zorgen dat alle convenanten zullen gehaald worden per juni 2021 en december 2021.
Indien EXMAR niet voldoet aan deze convenanten kunnen vroegtijdige terugbetalingen mogelijk zijn en bijgevolg dienen de gerelateerde schulden dan gepresenteerd te worden op korte termijn.
Volgende stappen dienen te worden genomen in overeenstemming met van toepassing zijnde overeenkomsten moest een inbreuk vastgesteld worden:
De Groep heeft een aandelenoptieregeling ingevoerd waarbij bepaalde werknemers recht hebben om in te schrijven op een aantal opties. De opties zijn enkel uitoefenbaar na een periode van drie jaar en enkel voor werknemers die nog in dienst zijn na deze driejarige periode. Elke optie geeft de houder van de optie recht op één EXMAR aandeel.
De reële waarde van de diensten die in ruil voor de toegekende opties worden ontvangen, wordt bepaald op basis van de uitoefenprijs van de toegekende aandelenopties. De reële waarde van de ontvangen diensten wordt bepaald met behulp van een binominaal model. In dit model wordt onder andere uitgegaan van de contractuele looptijd van de optie.
| Plan 10 | Plan 9 | Plan 8 | |||
|---|---|---|---|---|---|
| REËLE WAARDE OP TOEKENNINGSDATUM EN GEHANTEERDE VERWACHTINGEN OP MOMENT VAN TOEKENNING | |||||
| Aantal opties openstaand op jaareinde | 333.250 | 336.100 | 391.500 | ||
| Reële waarde op de toekenningsdatum (in EUR) | 3,21 | 2,32 | 3,36 | ||
| Aandelenkoers op de toekenningsdatum(in EUR) | 9,62 | 10,00 | 11,33 | ||
| Uitoefenprijs bij toekenning (in EUR) ( *) |
9,62 | 10,54 | 10,54 | ||
| Verwachte volatiliteit ( *) |
40,70% | 30,60% | 31,40% | ||
| Looptijd optie bij toekenning | 8 jaar | 8 jaar | 8 jaar | ||
| Vervaldatum | 2023 | 2022 | 2021 | ||
| Verwacht dividend | 0,3 eur/j | 0,3 eur/j | 0,4 eur/j | ||
| Risicovrije rentevoet | 0,53% | 0,62% | 1,87% |
( *) De verwachte volatiliteit is gebaseerd op de historische volatiliteit (berekend op basis van de gewogen gemiddelde resterende looptijd van de aandelenopties), aangepast voor eventuele verwachte wijzigingen in de toekomstige volatiliteit als gevolg van openbaar beschikbare informatie.
Plan 1, 2, 3, 4, 5, 6 en 7 werden verwijderd uit bovenstaand overzicht aangezien de plannen vervallen zijn. Plan 5 verviel op het einde van 2016, plan 1 en 6 vervielen op het einde van 2017, plan 2 en 7 vervielen op het einde van 2018, plan 3 verviel op het einde van 2019 en plan 4 verviel eind 2020. Met betrekking tot plan 4, werden 0 opties uitgeoefend in 2020 en 212.958 opties vervielen als gevolg van het vervallen van het plan. Er werden geen nieuwe optieplannen toegekend in 2019 en 2020.
| 2020 | 2019 | |||
|---|---|---|---|---|
| Aantal opties | Gewogen gemiddelde uitoefenprijs |
Aantal opties | Gewogen gemiddelde uitoefenprijs |
|
| AANSLUITING OPENSTAANDE OPTIES | ||||
| OPENSTAAND PER 1 JANUARI | 1.396.158 | 10,92 | 1.796.390 | 12,00 |
| Nieuw verleende opties | 0 | 0,00 | 0 | 0,00 |
| Wijzigingen tijdens het boekjaar | ||||
| Uitgeoefende opties | 0 | 0,00 | 0 | 0,00 |
| Vervallen/geschrapte opties | -335.308 | 13,04 | -400.232 | 15,76 |
| OPENSTAAND PER 31 DECEMBER | 1.060.850 | 10,25 | 1.396.158 | 10,92 |
| UITOEFENBAAR PER 31 DECEMBER | 1.060.850 | 10,25 | 1.396.158 | 10,92 |
De gewogen gemiddelde resterende levensduur van de uitstaande optieplannen per einde december 2020 bedraagt 1,95 jaar (2019: 2,7 jaar).
Sinds 2018 werden alle plannen volledig in kost genomen.
De Groep voorziet in pensioenvoordelen voor de meeste van haar werknemers, hetzij direct, hetzij via een bijdrage aan een onafhankelijk fonds. De pensioenvoordelen voor het kaderpersoneel in dienst vóór 1 januari 2008 worden verstrekt onder een te bereiken doel plan. Dit plan is een te bereiken doel plan waarbij een eindloonstelsel van toepassing is.
Voor kaderleden in dienst na 1 januari 2008, werknemers gepromoveerd tot kaderlid na 1 januari 2008 en kaderleden die de leeftijd van 60 jaar bereikt hebben, voorziet de Groep pensioenvoordelen via een vast bijdrage plan.
Belgische toegezegde bijdrageregelingen vallen onder toepassingsgebied van de Wet van 28 april 2003 op de aanvullende pensioenen, kort WAP genoemd. Volgens artikel 24 van deze wet is de werkgever verplicht een minimum rendement van 3,75% op de persoonlijke bijdragen van de werknemer en 3,25% op de bijdragen van de werkgever te garanderen en dit voor stortingen tot en met 31/12/2015. Vanaf januari 2016 dient de werkgever een gemiddeld minimum redement van 1,75% te garanderen op zowel werknemersbijdragen als werkgeversbijdragen (zoals gewijzigd door de Wet van 18 december 2015). Deze minimum rendementsgarantie overtreft over het algemeeen het rendement dat gegarandeerd wordt door de verzekeringsmaatschappij. Aangezien de werkgever verplicht wordt een minimum rendement te garanderen, worden niet alle actuariële en investeringsrisico's overgedragen naar de verzekeringsmaatschappijen die deze plannen beheren. Bijgevolg voldoen deze plannen niet aan de defintie van toegezegde bijdragenregeling zoals opgenomen in IFRS en worden ze als een te bereiken doel plan geclassificeerd. Een actuariële berekening in overeenstemming met IAS 19 gebaseerd op de 'projected unit credit (PUC)'-methode werd uitgevoerd in dit verband. De stortingen dewelke erkend werden in de winst- en verliesrekening bedragen USD 0,6 miljoen (2019: USD 0,6 miljoen).
De gewogen gemiddelde duurtijd van de verplichting met betrekking tot het te bereiken doel plan bedraagt 6 jaar. De gewogen gemiddelde duurtijd van de verplichting met betrekking tot het vast bijdragenplan bedraagt 16 jaar.
| 2020 | 2019 | 2018 | 2017 | 2016 | |
|---|---|---|---|---|---|
| PERSONEELSBELONINGEN - TE BEREIKEN DOEL PLAN | |||||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | -10.969 | -11.535 | -11.697 | -12.072 | -11.297 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | 9.408 | 8.839 | 7.626 | 7.361 | 7.098 |
| CONTANTE WAARDE VAN DE NETTOVERPLICHTINGEN | -1.561 | -2.696 | -4.072 | -4.711 | -4.198 |
| PERSONEELSBELONINGEN - VAST BIJDRAGENPLAN | |||||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | -9.559 | -5.340 | -4.703 | -3.313 | -3.845 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | 9.404 | 6.438 | 4.609 | 3.198 | 3.777 |
| CONTANTE WAARDE VAN DE NETTOVERPLICHTINGEN | -155 | 1.099 | -94 | -115 | -69 |
| TOTALE PERSONEELSBELONINGEN | -1.715 | -1.597 | -4.166 | -4.826 | -4.267 |
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| WIJZIGINGEN IN DE VOORZIENINGEN GEDURENDE HET JAAR | ||
| VOORZIENING PER 1 JANUARI | 11.535 | 11.697 |
| Uitkeringen | -1.392 | -622 |
| Werkelijke werknemer bijdragen Intrestlast |
67 23 |
76 101 |
| Aan het dienstjaar toegekende pensioenkosten | 435 | 464 |
| Werkelijke taksen betaald op bijdragen (exclusief intresten) | -80 | -89 |
| Actuariële winsten/ verliezen | -363 | 129 |
| Correctie paragraaf 115 | -200 | 0 |
| Omrekeningsverschillen VOORZIENING PER 31 DECEMBER |
944 10.969 |
-222 11.535 |
| WIJZIGINGEN IN DE REËLE WAARDE VAN DE FONDSBELEGGINGEN | ||
| REËLE WAARDE FONDSBELEGGINGEN PER 1 JANUARI | 8.839 | 7.626 |
| Ontvangen stortingen | 729 | 808 |
| Uitkeringen | -1.392 | -622 |
| Intrest inkomsten | 19 | 68 |
| Actuariële winsten/verliezen Werkelijke taksen betaald op bijdragen (exclusief intresten) |
123 -80 |
145 -89 |
| Werkelijke administratiekosten | -46 | -50 |
| Correctie paragraaf 115 | 410 | 1.097 |
| Omrekeningsverschillen | 806 | -144 |
| REËLE WAARDE FONDSBELEGGINGEN PER 31 DECEMBER (*) | 9.408 | 8.839 |
| PENSIOENKOST OPGENOMEN IN DE WINST-EN VERLIESREKENING | ||
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten | -435 | -464 |
| Intrestlast | -23 | -101 |
| Verwachte intrest inkomsten | 19 | 68 |
| Administratiekosten | -46 | -50 |
| TOTALE PENSIOENKOST IN DE WINST- EN VERLIESREKENING (ZIE BIJLAGE 6) | -484 | -547 |
| PENSIOENKOST OPGENOMEN IN DE NIET GEREALISEERDE RESULTATEN | ||
| Actuariële winsten en (verliezen) uit te bereiken doel pensioenplannen | 486 | -16 |
| TOTALE PENSIOENKOST IN DE NIET GEREALISEERDE RESULTATEN BELANGRIJKSTE ACTUARIËLE VERONDERSTELLINGEN, UITGEDRUKT IN GEWOGEN GEMIDDELDEN |
486 | -16 |
| Verdisconteringsvoet op 31 december | 0,15% | 0,20% |
| Verwacht rendement op activa per 31 december Toekomstige salarisverhogingen (inflatie inbegrepen) |
0,15% (salary scales) |
0,20% (salary scales) |
| Sterftetafels | Belgian (MR/FR) | Belgian (MR/FR) |
| Inflatie | 1,75% | 2% |
| VERWACHTE BIJDRAGE VOOR VOLGEND JAAR | ||
| Inschatting van bijdragen verwacht te betalen gedurende volgend jaar | 752 | 835 |
| OPDELING VAN FONDSBELEGGINGEN | ||
| Eigen vermogen instrumenten | 2,5% | 2% |
| Leningen | 88.5% | 87% |
| Vastgoed | 8% | 7% |
| Kasgelden | 1% | 4% |
( *) De fondsbeleggingen bevatten geen EXMAR aandelen en geen vastgoed door EXMAR in gebruik genomen.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| HANDELS- EN OVERIGE SCHULDEN | ||
| Handelsschulden | 20.866 | 24.658 |
| Overige schulden | 7.925 | 10.655 |
| Over te dragen opbrengsten ( *) |
8.839 | 13.368 |
| 37.630 | 48.681 | |
| WAARVAN FINANCIËLE SCHULDEN (TOELICHTING 29) | 28.070 | 34.695 |
( *) De "over te dragen opbrengsten" omvatten reeds gefactureerde opbrengsten die betrekking hebben op volgende boekjaren, zoals huuropbrengsten, vrachten,...
Handelsschulden dalen in vergelijking met 2019 door verschillende factoren, zoals ondermeer gedaalde handelsschulden in Travel Plus als een direct resultaat van de COVID-19 pandemie. Over te dragen opbrengsten dalen ondermeer als gevolg van gedaalde over te dragen opbrengsten voor TANGO FLNG als resultaat van de verbreking van het YPF contract. We verwijzen in dit verband eveneens naar toelichting 4 van dit jaarverslag.
In zijn normale beleidsvoering is de Groep blootgesteld aan diverse risico's zoals beschreven in de Corporate Governance verklaring. De Groep is blootgesteld aan krediet-, intrest- , valuta- en liquiditeitsrisico's. Om deze risico's te beheersen, maakt de Groep gebruik van verschillende financiële instrumenten, voornamelijk intrestindekkingen gesitueerd binnen onze joint ventures. De Groep past hedge accounting toe voor alle transacties die voor hedge accounting in aanmerking komen (formele documentatie en effectiviteitstest bij aanvang en op voortdurende basis). Financiële instrumenten worden initieel gewaardeerd aan reële waarde. Vervolgens wordt het effectieve deel van de wijziging in reële waarde erkend in het eigen vermogen. Niet-effectieve delen van wijziging in reële waarde en wijzigingen in reële waarde van financiële instrumenten die niet voor hedge accounting in aanmerking komen, worden direct in de winst- en verliesrekening verwerkt.
De volgende tabel geeft de financiële activa en passiva weer, gewaardeerd tegen reële waarde, volgens de reële waardehiërarchie:
| Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 31 DECEMBER 2020 | |||||||
| Aandelen gewaardeerd aan FVTPL | 292 | 1.061 | 0 | 1.354 | |||
| TOTAAL FINANCIËLE ACTIVA GEWAARDEERD TEGEN REËLE WAARDE | 292 | 1.061 | 0 | 1.354 | |||
| TOTAAL FINANCIËLE PASSIVA GEWAARDEERD TEGEN REËLE WAARDE | 0 | 0 | 0 | 0 |
Alle andere financiële instrumenten dan de hierboven vermelde worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs.
Het kredietrisico wordt continu centraal opgevolgd door de Groep. Kredietwaardigheidscontroles worden uitgevoerd wanneer dit wenselijk wordt geacht.
Op afsluitdatum werden geen noemenswaardige kredietwaardigheidsproblemen vastgesteld. De stijging in de handelsvorderingen en de overige vorderingen wordt voornamelijk verklaard door de openstaande vordering met betrekking tot de YPF schikkingsvergoeding (we verwijzen in dit verband naar toelichting 4 van dit jaarverslag). Het saldo van het schikkingsbedrag moet door YPF worden betaald in maandelijkse termijnen die worden gedekt door een financiële zekerheid die is gegeven door een tegenpartij met een "investment grade"-rating.
De leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures omvatten aandeelhoudersleningen aan onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures dewelke een LPG schip of Offshore platform exploiteren of bezitten. Alle schepen zijn operationeel en genereren inkomsten. Bijgevolg voorzien wij geen invorderingsproblemen met betrekking tot deze uitstaande leningen. De geassocieerde ondernemingen en joint ventures waarvan het aandeel in het eigen vermogen negatief is, worden toegewezen aan de andere componenten van het belang van de investeerder in de geassocieerde onderneming of joint venture. Wanneer het negatieve eigen vermogen dit belang overtreft, dan wordt een corresponderende verplichting geregistreerd in dit verband. De looptijd van de aandeelhoudersleningen wordt besproken in toelichting 17 van dit verslag.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| BOEKWAARDEN VAN DE FINANCIËLE ACTIVA | ||
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 41.313 | 49.979 |
| Overige investeringen - aandelen gewaardeerd aan FVTPL | 1.354 | 4.170 |
| Handels- en overige vorderingen | 125.865 | 34.607 |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 75.575 | 67.270 |
| Kas en kasequivalenten | 28.195 | 52.626 |
| 272.301 | 208.653 |
De boekwaarden van de financiële activa geven het maximale kredietrisico weer.
Aangezien het bedrag aan vervallen vorderingen niet materieel is, werd er geen gedetailleerde ouderdomsanalyse gemaakt. Er werden geen significante voorzieningen voor kredietverliezen opgezet op balansdatum en er werden geen belangrijke waarderverminderingen gerealiseerd tijdens het boekjaar.
De rentedragende leningen worden meestal onderhandeld met variabele rentevoeten. Om dit intrestrisico in te dekken, maakt de Groep gebruik van een aantal intrestindekkingsinstrumenten wanneer het management van mening is dat het voordelig is om dit te doen. Momenteel bestaan er geen IRS contracten in onze dochterondernemingen. Anderzijds bestaan er verschillende IRS contracten binnen onze joint ventures. De Groep past hedge accounting toe indien aan de voorwaarden wordt voldaan. Wanneer geen hedge accounting wordt toegepast, worden de wijzigingen in de reële waarde verwerkt in de winst- en verliesrekening.
EXMAR VERSLAG 2020
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| BLOOTSTELLING AAN HET RENTERISICO | ||
| Totaal rentedragende leningen ( *) |
344.540 | 391.612 |
| met vaste rente | 46.975 | 46.975 |
| met variabele rente: bruto risico | 297.565 | 344.637 |
| Interest rate financial instruments (nominal amount) | 0 | 0 |
| NETTO BLOOTSTELLING | 297.565 | 344.637 |
( *) Het verschil tussen het hoger vermeld bedrag bij totale rentedragende leningen en de leningen zoals opgenomen in de balans heeft betrekking op transactiekosten aangaande de leningen, te betalen intresten dewelke toegewezen werden aan de leningen en de leasingschulden als gevolg van de implementatie van IFRS 16.
Bij een wijziging in de intrestvoet van 50 basispunten, zouden de cijfers worden beïnvloed met onderstaande bedragen (onder de veronderstelling dat de andere variabelen niet wijzigen):
| 2020 | 2019 | |||
|---|---|---|---|---|
| + 50 bp | - 50 bp | + 50 bp | - 50 bp | |
| GEVOELIGHEIDSANALYSE | ||||
| Rentedragende leningen (variabele rente) | -1.488 | 1.488 | -1.723 | 1.723 |
| Intrest indekkingsinstrumenten | 0 | 0 | 0 | 0 |
| NETTO GEVOELIGHEID | -1.488 | 1.488 | -1.723 | 1.723 |
| Effect op winst- en verliesrekening | -1.488 | 1.488 | -1.723 | 1.723 |
| Effect op eigen vermogen | 0 | 0 | 0 | 0 |
| TOTAAL EFFECT | -1.488 | 1.488 | -1.723 | 1.723 |
Een belangrijk gedeelte van EXMAR's intrestopbrengsten zijn afkomstig van leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures met een variabele intrestvoet. Een stijging/ daling van de intrestvoet zou resulteren in een stijging/ daling van de intrestopbrengsten maar zou grotendeels geneutraliseerd worden door een stijging/ daling van de intrestkosten erkend door de joint venture/ geassocieerde onderneming voor het corresponderende bedrag. Overeenkomstig heeft elke stijging/ daling van de variabele intrestvoet van toepassing op leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures geen invloed op het netto resultaat van de groep. Bijgevolg werden leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures niet opgenomen in bovenstaande gevoeligheidsanalyse.
Het valutarisico van de Groep wordt historisch gezien voornamelijk beïnvloed door de EUR/USD verhouding, voor de vergoeding van een deel van de bemanning van de vloot in EUR, en voor de betaling van de salarissen en andere personeelsgerelateerde kosten in EUR. EXMAR Nederland BV heeft succesvol een nieuwe obligatielening uitgegeven in 2019 voor een bedrag van NOK 650 miljoen. De Groep maakt gebruik van diverse koersindekkingsinstrumenten wanneer noodzakelijk geacht. Per 31 december 2020 en per 31 december 2019 staan er geen valutatermijncontracten open om de EURO/USD of de NOK/USD positie in te dekken.
Blootstelling aan het valutarisico, gebaseerd op nominale bedragen in duizenden in vreemde munt:
| 2020 | 2019 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| EUR | NOK | SGD | ARS | EUR | NOK | GBP | GBP |
| Vorderingen | 6.558 | 0 | 1 | 235.374 | 11.489 | 70 | 0 | 98.173 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Schulden | -15.589 | 0 | -2.424 | -101.419 | -16.045 | -107 | -1.501 | -19.924 |
| Rentedragen leningen | -3.000 | -650.000 | 0 | 0 | 0 | -650.000 | 0 | 0 |
| RISICO | -12.031 | -650.000 | -2.423 | 133.955 | -4.556 | -650.037 | -1.501 | 78.249 |
| IN DUIZENDEN USD | -14.763 | -76.179 | -1.833 | 1.592 | -5.118 | -74.039 | -1.116 | 1.307 |
Een toename van 10% van de EUR/USD slotkoers zou het overzicht van gerealiseerde resultaten van 2019 beïnvloeden met USD -1,5 miljoen (2019: USD -0,5 miljoen). Een daling van de EUR/USD slotkoers met 10% zou het overzicht van gerealiseerde resultaten met eenzelfde bedrag (tegenovergesteld teken) beïnvloeden.
De NOK/ USD verhouding op de uitstaande obligatielening in NOK is niet ingedekt door financiële instrumenten. Een toename van 10% van de NOK/USD slotkoers zou het overzicht van gerealiseerde resultaten van 2020 beïnvloeden met USD -7,6 miljoen (2019: -7,4 miljoen). Een daling van de NOK/USD slotkoers met 10% zou het overzicht van gerealiseerde resultaten met eenzelfde bedrag (tegenovergesteld teken) beïnvloeden.
De Groep beheert haar liquiditeitsrisico om zo aan haar financiële verplichtingen op vervaldag te voldoen. Het liquiditeitsrisico wordt beheerd door een continue opvolging van kasstroomprojecties, toetsing van liquiditeitsratio's aan interne en externe verplichtingen en door het aanhouden van diverse financieringsbronnen met adequate back up faciliteiten.
Verschillende lening convenanten zijn eveneens van toepassing en vereisen naleving van bepaalde financiële ratio's. Per 31 december 2020 voldeed EXMAR aan de van toepassing zijnde convenanten. We verwijzen in dit verband eveneens naar toelichting 25 aangaande leningen en naar toelichting 31 aangaande investeringsverplichtingen.
Contractuele looptijd voor financiële verplichtingen, leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures en financiële garanties Onze verplichtingen op korte termijn zoals handelsschulden en overige schulden worden verwacht betaald te zijn in de komende twaalf maanden en werden bijgevolg niet opgenomen in onderstaande tabel. De contractuele looptijd van onze financiële verplichtingen en leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures, inclusief verwachte intrestbetalingen, wordt weergegeven in onderstaande tabel. De contractuele looptijd van onze financiële schulden is gebaseerd op de contractuele aflossingstabellen van de leningen. Het overbruggingskrediet en de opgenomen kredietlijnen werden niet opgenomen in de onderstaande tabellen. De contractuele looptijd van onze leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures is gebaseerd op de contractuele aflossingstabel van deze lening voor de Electra Offshore Ltd faciliteit en op toekomstige cash flow projecties voor de EXMAR LPG aandeelhouderslening. EXMAR heeft ook garanties toegekend aan bankinstellingen dewelke leningen hebben toegekend aan haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures. Het bedrag dat EXMAR kan moeten betalen wanneer de garantie wordt aangewend is toegelicht in onderstaande tabel onder garanties.
| Contractuele kasstromen Boekwaarde 0-12 mndn Intrestvoet 1-2 jaar 2-5 jaar > 5 jaar Looptijd Munt totaal AS PER 31 DECEMBER 2019 NIET AFGELEIDE FINANCIËLE VERPLICHTINGEN 2023- libor + Bankleningen/ overige leningen USD 2024- -98.916 -108.078 -16.454 -16.529 -58.880 2.4% 2025 libor Bankleningen USD 2029 -166.667 -212.850 -24.884 -23.681 -68.159 + 3% Nibor + Obligatielening NOK 2022 -74.029 -93.825 -7.950 -7.919 -77.956 8,75% Overige leningen USD 10,75% 2021 -20.000 -23.303 -2.037 -21.266 0 Leasingschulden gebruiksrechten USD -18.371 -18.834 -16.742 -1.106 -986 Leasingschulden gebruiksrechten EUR -3.111 -3.248 -1.704 -844 -508 Leasingschulden gebruiksrechten SGD -42 -44 -33 -1 -9 Leasingschulden gebruiksrechten INR -142 -168 -45 -47 -75 -381.277 -460.350 -69.850 -71.394 -206.573 LENINGEN AAN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN USD 49.979 71.546 3.435 14.690 52.846 JOINT VENTURES |
||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| -16.215 | ||||||||||
| -96.126 | ||||||||||
| 0 | ||||||||||
| 0 | ||||||||||
| 0 | ||||||||||
| -192 | ||||||||||
| 0 | ||||||||||
| 0 | ||||||||||
| -112.533 | ||||||||||
| 575 | ||||||||||
| FINANCIËLE GARANTIES | USD | 0 | -271.678 | -35.506 | -149.129 | -19.476 | -67.567 |
144
| Contractuele kasstromen | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Munt | Intrestvoet | Looptijd | Nominaal bedrag | totaal | 0-12 mndn | 1-2 jaar | 2-5 jaar | > 5 jaar | ||
| PER 31 DECEMBER 2019 | ||||||||||
| NIET AFGELEIDE FINANCIËLE VERPLICHTINGEN |
||||||||||
| Bankleningen/ overige leningen | USD | libor + 2.4% |
2023- 2024- 2025 |
-85.558 | -91.594 | -16.529 | -16.617 | -58.448 | 0 | |
| Bankleningen | USD libor + 3% | 2029 | -150.000 | -187.967 | -23.681 | -23.340 | -65.903 | -75.043 | ||
| Obligatielening | NOK | Nibor + 8,75% |
2022 | -76.179 | -88.368 | -8.148 | -80.220 | 0 | 0 | |
| Overige leningen | USD | 10,75% | 2021 | -20.000 | -21.266 | -21.266 | 0 | 0 | 0 | |
| Overige leningen | USD | libor + 2,25% |
2021 | -7.900 | -7.959 | -7.959 | 0 | 0 | 0 | |
| Overige leningen | USD | 1,00% | 2025 | -1.222 | -1.283 | -12 | -12 | -1.259 | 0 | |
| Leasingschulden gebruiksrechten | USD | -2.110 | -2.188 | -998 | -940 | -250 | 0 | |||
| Leasingschulden gebruiksrechten | EUR | -1.222 | -1.323 | -633 | -123 | -368 | -199 | |||
| Leasingschulden gebruiksrechten | SGD | -201 | -210 | -134 | -68 | -8 | 0 | |||
| Leasingschulden gebruiksrechten | INR | -67 | -75 | -29 | -30 | -16 | 0 | |||
| Leasingschulden gebruiksrechten | CNY | -73 | -76 | -51 | -25 | 0 | 0 | |||
| -344.532 | -402.309 | -79.440 | -121.376 | -126.252 | -75.242 | |||||
| LENINGEN AAN GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN EN JOINT VENTURES |
USD | 41.314 | 57.927 | 13.882 | 11.415 | 32.630 | 0 | |||
| FINANCIËLE GARANTIES | USD | 0 | -255.970 | -37.803 | -20.203 | -137.222 | -60.742 |
Boekwaarden versus reële waarden
| 2020 | 2019 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| Hiërarchie in reële waarde( *) |
Boekwaarde | Reële waarde | Boekwaarde | Reële waarde | |
| BOEKWAARDEN VERSUS REËLE WAARDEN | |||||
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 2 | 41.313 | 39.383 | 49.979 | 46.605 |
| Aandelen gewaardeerd aan FVTPL | 1/2 | 1.354 | 1.354 | 4.170 | 4.170 |
| Rentedragende leningen | 2 | -341.619 | -348.458 | -405.433 | -426.676 |
| -298.952 | -307.721 | -351.284 | -375.901 |
( *) De financiële activa en verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde worden geanalyseerd en krijgen een hiërarchie toegekend ter bepaling van de reële waarde: niveau 1 zijnde genoteerde prijzen in actieve markten van identieke activa of verplichtingen, niveau 2 zijnde andere dan genoteerde waarden begrepen in niveau 1 welke toch direct of indirect waarneembaar zijn voor de activa en verplichtingen, hetzij direct (als prijzen) hetzij indirect (afgeleid van prijzen) en niveau 3 zijnde waarden welke niet op waarneembare marktwaarden gebaseerd zijn. De opsplitsing tussen niveau 1 en niveau 2 voor aandelen gewaardeerd aan FVTPL wordt weergegeven in het begin van deze toelichting.
| BASIS VOOR BEPALING VAN REËLE WAARDE: | |
|---|---|
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures |
contante waarde van toekomstige kasstromen, verdisconteerd aan marktconforme intrest voeten |
| Aandelen gewaardeerd aan FVTPL | genoteerde biedkoers op balansdatum voor Frontera aandelen/ niet genoteerde fixing op balansdatum via een openbare veiling via Euronext voor Sibelco aandelen |
voeten
Leningen contante waarde van toekomstige kasstromen, verdisconteerd aan marktconforme intrest-
Voor bepaalde financiële activa en verplichtingen (handelsvorderingen en overige vorderingen, kas en kasequivalenten en handelsschulden en overige schulden) dewelke niet gewaardeerd worden aan reële waarde, wordt geen reële waarde toegelicht aangezien de boekwaarde een goede benadering is van de reële waarde.
De Groep huurt verschillende activa, waaronder gebouwen, motorvoertuigen en IT-materiaal.
| Gebouwen | Motor voertuigen |
IT - materiaal | Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| GEBRUIKSRECHTEN | ||||
| BALANS PER 31 DECEMBER 2019 BALANS PER 31 DECEMBER 2020 |
3.981 3.201 |
1.720 0 |
410 260 |
6.111 3.461 |
Voor de volledige mutatietabel met betrekking tot de gebruiksrechten inclusief de geboekte afschrijvingen van het boekjaar verwijzen we naar toelichting 14.
| 2020 | 2019 | ||
|---|---|---|---|
| LEASING ONDER IFRS 16 | |||
| Intrestkosten op leasingschulden | 159 | 1.392 | |
| Kosten met betrekking tot korte termijn leasingcontracten | 0 | 0 | |
| Kosten met betrekking tot leasing van niet-significante activa | 0 | 0 |
De leasingcontracten omvatten geen verlengings- of beëindigingsopties.
Voor de looptijdanalyse van de gerelateerde leasing schulden verwijzen we naar toelichting 29.
De Groep verhuurt een significant deel van haar schepen. Voor wat betreft de leasing classificatie werd beoordeeld dat alle risico's en voordelen binnen de Groep blijven. Als gevolg hiervan kwalificeren deze overeenkomsten als operationele huurovereenkomsten. De waarderingsregels voor contracten waar de Groep optreedt als leasinggever zijn niet verschillend van deze onder IAS 17.
Huurinkomsten erkend door de Groep gedurende 2020 bedroegen USD 46,5 miljoen ( 2019: 51,4 miljoen).
Onderstaande tabel toont de looptijdanalyse van de toekomstige leasebetalingen. Er werden geen variabele leasebetalingen opgenomen. De daling in de leasebetalingen in vergelijking met 2019 wordt verklaard door de verbreking van het YPF contract (zie ook toelichting 4 van dit jaarverslag).
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| 76.636 | ||
| 44.135 | 68.783 | |
| 68.783 | ||
| 68.783 | ||
| 68.783 | ||
| 310.114 | ||
| 661.882 | ||
| 44.363 44.135 44.135 44.135 91.896 312.799 |
| 2020 | 2019 | ||
|---|---|---|---|
| OPERATIONELE LEASING ONDER IFRS 16 (JOINT VENTURES EN GEASSOCIEERDE VENNOOTSCHAPPEN) |
| Minder dan één jaar | 79.138 | 73.484 |
|---|---|---|
| Eén tot twee jaar | 28.848 | 30.976 |
| Twee tot drie jaar | 12.930 | 17.362 |
| Drie tot vier jaar | 12.930 | 12.930 |
| Vier tot vijf jaar | 12.930 | 12.930 |
| Meer dan vijf jaar | 8.050 | 20.980 |
| TOTAAL | 154.826 | 168.662 |
Per 31 december 2020 zijn de investeringsverplichtingen zoals onder weergegeven:
| Dochter - ondernemingen |
Joint ventures & geassocieerde ondernemingen |
|
|---|---|---|
| INVESTERINGSVERPLICHTINGEN | ||
| Shipping-segment | 125.305 | 0 |
| 125.305 | 0 | |
EXMAR heeft een contract afgesloten met Jiangnan scheepswerf voor de bouw van 2 VLGC's met LPG als brandstof om haar verbintenissen op lange termijn jegens het Noorse Equinor ASA na te leven.
Per 31 december 2019 bedroegen de investeringsverplichtingen KUSD 139.516. Een vooruitbetaling van USD 15.470 heeft plaats gevonden in januari 2020.
EXMAR heeft vooruitbetalingen gedaan voor een totaal bedrag van USD 30.940. Deze betalingen worden gewaarborgd door een terugbetalingsgarantie. De levering van deze schepen wordt verwacht plaats te vinden in het tweede en derde kwartaal van 2021. Op moment van de levering zal het saldo van KUSD 125.305 dienen betaald te worden.
In september 2019 heeft GUNVOR EXMAR in kennis gesteld van een geschil met betrekking tot de FSRU, de arbitrage procedure werd opgestart. Deze arbitrage procedure kan verschillende maanden duren. Het management veronderstelt dat deze charterovereenkomst onverminderd van kracht blijft en dat de ontvangen huurgelden effectief verworven zijn en niet dienen te worden teruggestort.
EXMAR NV heeft een belastingaanslag van USD 2 miljoen ontvangen met betrekking tot de behandeling van uitgekeerde vergoedingen. Volgens het lokale management is de ontvangen aanslag niet geldig en bijgevolg werd een belastingvordering gelijk aan de belastingverplichting geregistreerd in de geconsolideerde cijfers per 31 december 2020 (zie toelichting 21).
Meerdere ondernemingen van de Groep zijn betrokken in een aantal kleinere juridische geschillen voortkomend uit de uitoefening van hun dagelijks beheer. Het bestuur verwacht niet dat de uitslag van deze procedures een materieel effect op de financiële positie van de Groep zal hebben.
De meerderheidsaandeelhouder van EXMAR NV, Saverex NV, legt een geconsolideerde jaarrekening, beschikbaar in België, neer. Saverex NV wordt gecontroleerd door Mr. Nicolas Saverys (uitvoerend voorzitter van de Raad van Bestuur van EXMAR).
Saverbel NV en Saverex NV, beiden gecontroleerd door Nicolas Saverys (uitvoerend voorzitter van de Raad van Bestuur van EXMAR), rekende voor administratieve prestaties geleverd in 2020 KEUR 219 (2019: KEUR 453) aan aan de Groep. De uitstaande schuld op jaareinde in dit verband bedroeg KEUR 26 (2019: KEUR 20), dit openstaand bedrag werd volledig betaald in januari 2021. Additioneel werd een credit nota voor een bedrag van KEUR 86 opgemaakt in december 2020 door Saverex aan EXMAR als gevolg van de annulatie van een factuur uitgegeven in 2019. Dit bedrag dient terugbetaald te zijn door Saverex aan EXMAR voor einde juni 2021 en dit met inachtneming van het arm's length-beginsel.
EXMAR Shipmanagement rekende KEUR 22 aan aan Saverex voor scheepsbemannings en -onderhoud diensten met betrekking tot het schip "Douce France" (2019: KEUR: 669). De beweging in het gefactureerd bedrag wordt verklaard doordat vanaf 2020 enkel de management fee gefactureerd wordt van EXMAR Shipmanagement aan Saverex, de opex kosten worden direct gefactureerd van de leverancier aan Saverex (in het verleden liepen deze opex kosten ook over EXMAR Shipmanagement). De uitstaande schuld op jaareinde in dit verband bedraagt KEUR 0 (2019: KEUR 0).
Travel Plus heeft KEUR 87 gefactureerd aan Saverex in verband met geleverde reisdiensten gedurende 2020 (2019: KEUR 74). De gerelateerde openstaande positie bedraagt KEUR 1 (2019: KEUR 0).
In 2020 werd er KEUR 54 gefactureerd aan de heer Nicolas Saverys als gevolg van door te rekenen privé uitgaven (2019: KEUR 122). Het openstaand saldo hieraan gerelateerd per 31 december 2020 bedraagt KEUR 5 (2019: KEUR 5,5).
EXMAR levert algemene diensten, boekhoudkundige diensten, management diensten, bouwtoezicht diensten en scheepsbemannings en -onderhoud diensten aan aan haar joint ventures en geassocieerde ondernemingen. Voor al deze diensten worden vergoedingen aangerekend aan de joint ventures en geassocieerde ondernemingen gebaseerd op contracten tussen alle betrokken partijen. Onderstaande tabel geeft een overzicht van alle significante vorderingen, significante schulden en de gerelateerde bedragen geregistreerd in het overzicht van gerealiseerde resultaten als gevolg van geleverde en ontvangen diensten.
| Vorderingen per 31/12/2019 |
Schulden per 31/12/2019 |
Geleverde diensten 2019 |
Ontvangen diensten 2019 |
|
|---|---|---|---|---|
| DIENSTEN (IN DUIZENDEN EUR) | ||||
| Scheepsbemannings en -onderhoud diensten | 1.378 | 37 | 13.625 | 0 |
| Algemene, boekhoudkundige en management diensten | 873 | 0 | 722 | 0 |
| Bouwtoezicht diensten | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Verhuurdiensten | 0 | 0 | 0 | 1.040 |
| Vorderingen per 31/12/2020 |
Schulden per 31/12/2020 |
Geleverde diensten 2020 |
Ontvangen diensten 2020 |
|
| DIENSTEN (IN DUIZENDEN EUR) | ||||
| Scheepsbemannings en -onderhoud diensten | 2.944 | 46 | 13.634 | 0 |
| Algemene, boekhoudkundige en management diensten | 0 | 0 | 739 | 0 |
| Bouwtoezicht diensten | 0 | 0 | 0 | 0 |
EXMAR verstrekt eveneens leningen aan haar joint ventures en geassocieerde ondernemingen waarvoor intrestopbrengsten geregistreerd werden in de cijfers. We verwijzen in dit verband naar toelichting 17 voor een overzicht van deze leningen en naar toelichting 8 voor het totaal bedrag van deze intrestopbrengsten.
Verhuurdiensten en overige diensten 0 0 0 0
We verwijzen in verband met transacties met bestuurders en managers naar het remuneratieverslag 2020 dewelke opgenomen werd in dit jaarverslag (zie Corporate Governance verklaring). Voor informatie met betrekking tot belangenconflicten verwijzen we naar Verslag van de Raad van Bestuur.
Raad van Bestuur
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| RAAD VAN BESTUUR (IN DUIZENDEN EUR) | ||
| Voorzitter | 26 | 100 |
| Andere leden (individueel bedrag) | 50 | 50 |
| Totaal betaald ( *) |
422 | 486 |
( *) Het totaal bedrag betaald aan de leden van de Raad van Bestuur betreft het bedrag aan vergoedingen aan niet uitvoerende en onafhankelijke bestuurders. De uitvoerende bestuurders worden enkel vergoed in hun hoedanigheid van uitvoerende en niet in hun hoedanigheid van uitvoerende bestuurder/ lid van de Raad van Bestuur. Er werden geen voorschotten toegekend. Het openstaand saldo met betrekking tot doorgerekende privé-uitgaven aan meneer Nicolas Saverys per 31 december 2020 bedraagt 5 KEUR (2019: KEUR 5,5)
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| AUDITCOMITÉ (IN DUIZENDEN EUR) | ||
| Voorzitter | 23 | 20 |
| Andere leden (individueel bedrag) | 10 | 10 |
| Totaal betaald | 49 | 50 |
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| BENOEMINGS- EN REMUNERATIECOMITÉ (IN DUIZENDEN EUR) | ||
| Leden (individueel bedrag) | 10 | 10 |
| Totaal betaald | 29 | 30 |
In lijn met de algemene beloningsprincipes van EXMAR is de remuneratie van de leden van het Uitvoerend Comité afhankelijk van de prestaties van de Vennootschap en de individuele vaardigheden en prestaties. Het remuneratiepakket bestaat uit drie elementen:
•de vaste jaarlijkse remuneratie,
•de variabele remuneratie op korte termijn (KTI – korte termijn incentive)
•de variabele remuneratie op lange termijn (LTI – lange termijn incentive).
Het niveau en de structuur van de vergoedingspakketten liggen in lijn met de marktpraktijken voor soortgelijke functies in vergelijkbare vennootschappen.
Einde 2020 telde het directiecomité 4 leden. In de overeenkomsten met de leden van het Uitvoerend Comité zijn gebruikelijke opzegtermijnen en vertrekvergoedingen voorzien die rekening houden met factoren zoals de functie en de ervaring van het kaderlid, altijd binnen het toepasselijke wettelijke kader.
De Raad van Bestuur heeft op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité en de CFO, dhr. Miguel de Potter, in onderling overleg beslist de managementovereenkomst met Chirmont NV, vertegenwoordigd door dhr. de Potter, te beëindigen met ingang van 1 februari 2020, op voorwaarde van de betaling van een vertrekvergoeding door de Vennootschap van EUR 300.000, het equivalent van 12 maanden remuneratie.
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| DIRECTIECOMITÉ, EXCLUSIEF CEO EN DEPUTY CEO (IN DUIZENDEN EUR) | ||
| Totaal vaste vergoeding | 1.438 | 2.493 |
| waarvan voor pensioenplannen en verzekering | 64 | 265 |
| waarvan waarde van opties | 0 | 0 |
| Totaal variabele vergoeding | 92 | 0 |
150
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| CEO EN DEPUTY CEO (IN DUIZENDEN EUR) ( *) |
||
| Totaal vaste vergoeding | 867 | 998 |
| waarvan voor pensioenplannen en verzekering | 50 | 175 |
| waarvan waarde van opties | 0 | 0 |
| Totaal variabele vergoeding | 78 | 0 |
( *) De totale vergoeding voor Mr. Nicolas Saverys vanaf 14 april 2020 als uitvoerend voorzitter van de Raad van Bestuur bedraagt KEUR 931 en werd niet opgenomen in bovenstaande tabel.
Aan de leden van het directiecomité werden geen leningen toegestaan in 2020.
De leden van het directiecomité behoren tot de begunstigden van de 3 aandelenoptieplannen, goedgekeurd door de Raad van Bestuur. Het gecumuleerd aantal opties (plan 8 tot 10) dat aan de leden werd toegekend is als volgt:
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| AANTAL TOEGEKENDE OPTIES | ||
| Nicolas Saverys | 180.000 | 198.624 |
| Patrick De Brabandere | 120.000 | 134.464 |
| Jonathan Raes | 2.500 | 2.500 |
| 302.500 | 335.588 |
( *) In 2019 werden een aantal aandelenopties toegekend aan personen die niet langer deel uitmaken van het directiecomité. Deze opties werden verwijderd uit bovenstaande tabel.
Een aantal bestuurders en managers, of hun directe familieleden, betrekken functies in andere vennootschappen over de welke zij controle of gezamenlijke controle uitoefenen. Geen van deze vennootschappen hebben transacties uitgevoerd met de Groep gedurende het boekjaar.
| Ondernemings Consolidatie |
Belang | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Land van vestiging | nummer | methode | 2020 | 2019 | ||
| GECONSOLIDEERDE VENNOOTSCHAPPEN | ||||||
| JOINT VENTURES | ||||||
| AEX ( *) |
Singapore | Vermogensmutatie | 50,00% | 0,00% | ||
| Estrela Ltd | Hong Kong | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | ||
| Exmar Gas Shipping Ltd | Hong Kong | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | ||
| Exmar LPG BV | België | 0501.532.758 | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | |
| Exmar Shipping BV | België | 0860.978.334 | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | |
| Good Investment Ltd | Hong Kong | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | ||
| Monteriggioni Inc | Liberië | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | ||
| Solaia Shipping Llc | Liberië | Vermogensmutatie | 50,00% | 50,00% | ||
| GEASSOCIEERDE ONDERNEMINGEN | ||||||
| Bexco NV | België | 0412.623.251 | Vermogensmutatie | 44,91% | 44,91% | |
| Electra Offshore Ltd | Hong Kong | Vermogensmutatie | 40,00% | 40,00% | ||
| Exview Hong Kong Ltd | Hong Kong | Vermogensmutatie | 40,00% | 40,00% | ||
| Marpos NV | België | 0460.314.389 | Vermogensmutatie | 45,00% | 45,00% | |
| Springmarine Nigeria Ltd | Nigeria | Vermogensmutatie | 40,00% | 40,00% | ||
| DOCHTERONDERNEMINGEN | ||||||
| Ahlmar Germany GmbH | Duitsland | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Ahlmar Ship Management NV | België | 0676.847.588 | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Best Progress International Ltd ( **) |
Hong Kong | Integraal | 0,00% | 100,00% | ||
| Croxford Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| DV Offshore SAS | Franktijk | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| ECOS SRL | Italië | Integraal | 60,00% | 60,00% | ||
| Exmar Argentina | Argentinië | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar Energy France ( **) |
Frankrijk | Integraal | 0,00% | 100,00% | ||
| Exmar Energy Hong Kong Ltd Exmar Energy Netherlands BV |
Hong Kong Nederland |
Integraal Integraal |
100,00% 100,00% |
100,00% 100,00% |
||
| Exmar Energy Services BV | Nederland | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar Export Netherlands | Nederland | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar FSRU Hong Kong Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar Holdings Ltd | Liberië | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar Hong Kong Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar LPG Holding BV | België | 0891.233.327 | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar LNG Investments Ltd | Liberië | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar Lux SA | Luxemburg | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar Marine NV | België | 0424.355.501 | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Netherlands BV | Nederland | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar NV | België | 0860.409.202 | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Offshore Company | USA | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar Offshore Ltd | Bermuda | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar Offshore Services SA | Luxemburg | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar Offshore BV | België | 0882.213.020 | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Singapore Pte Ltd | Singapore | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar Shipmanagement BV | België | 0442.176.676 | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Shipmanagement India Private Ltd | Indië | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar Shipping USA Inc | USA | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar Small Scale LPG NL BV | Nederland | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar Small Scale LPG HK Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar Small Scale LPG BE BV | België | 0713.409.957 | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar (UK) Shipping Company Ltd | Verenigd Koninkrijk | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Exmar VLGC BV | België | 0739.802.370 | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Exmar Yachting BV | België | 0546.818.692 | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Export LNG Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Franship Offshore Lux SA | Luxemburg | Integraal | 100,00% | 100,00% | ||
| Fertility Development Co. Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Ondernemings | Consolidatie | Belang | |||
|---|---|---|---|---|---|
| Land van vestiging nummer methode |
2020 | 2019 | |||
| GECONSOLIDEERDE VENNOOTSCHAPPEN | |||||
| Glory Transportation Ltd ( **) |
Hong Kong | Integraal | 0,00% | 100,00% | |
| Hallsworth Marine Co. | Liberia | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Internationaal Maritiem Agentschap NV | België | 0404.507.915 | Integraal | 99,03% | 99,03% |
| Laurels Carriers Inc | Liberië | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Seavie Private Ltd | Indië | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Talmadge Investments Ltd ( **) |
British Virgin Islands | Integraal | 0,00% | 100,00% | |
| Tecto Cyprus Ltd | Cyprus | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Tecto Luxembourg SA | Luxemburg | Integraal | 100,00% | 100,00% | |
| Travel Plus BV | België | 0442.160.147 | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Universal Crown Ltd | Hong Kong | Integraal | 100,00% | 100,00% |
( *) De ondernemingen aangeduid met een ( *) werden opgericht gedurende het boekjaar.
( **) De ondernemingen aangeduid met een ( **) werden geliquideerd gedurende het boekjaar.
| Slotkoersen | Gemiddelde koersen | |||
|---|---|---|---|---|
| 2020 | 2019 | 2020 | 2019 |
| WISSELKOERSEN | ||||
|---|---|---|---|---|
| EUR | 0,8149 | 0,8902 | 0,8785 | 0,8918 |
| GBP | 0,7326 | 0,7573 | 0,7777 | 0,7844 |
| HKD | 7,7534 | 7,7865 | 7,7591 | 7,8370 |
| NOK | 8,5326 | 8,7803 | 9,4272 | 8,7857 |
| ARS | 84,1461 | 59,8700 | 69,7310 | 47,1800 |
| KRW | 1.088,7500 | 1.153,8900 | 1.183,2200 | 1.160,8300 |
Alle gehanteerde wisselkoersen worden uitgedrukt ten opzichte van de USD.
De wereldwijde vergoeding voor audit en overige werkzaamheden uitgevoerd door de commissaris of de aan hen gerelateerde personen of vennootschappen kan als volgt worden gedetailleerd:
| 2020 | 2019 | |
|---|---|---|
| VERGOEDING AAN DE COMMISSARIS | ||
| Audit van de jaarrekeningen | 380 | 457 |
| Audit gerelateerde diensten | 115 | 130 |
| Fiscale dienstverlening | 69 | 124 |
| 564 | 711 |
Voor 2020 en 2019 overtreffen de non-audit diensten de audit diensten niet.
De COVID-19 pandemie is dynamisch en groeiend en de uiteindelijk omvang, duur en effecten zijn onzeker. De verderzetting van deze uitbraak kan potentiële tegengestelde effecten hebben op onze activiteit, resultaten en financiële situatie.
Effecten van de huidige pandemie kunnen onder andere onderstaande elementen omvatten:
Verschillende operationele maatregelen aan wal en aan boord werden genomen door EXMAR om de veiligheid en het welzijn van ons personeel, alsook de continuïteit van onze operaties te verzekeren. De meerderheid van onze activa worden momenteel uitgebaat onder middellange of lange termijncontracten. De gevolgen van de COVID-19 pandemie op deze financiële staten zijn bijgevolg beperkt met uitzondering van de verbreking van het TANGO FLNG contract met YPF en de gedaalde omzet voor Travel Plus (reisbureau). We verwijzen in dit verband verder naar toelichting 4 van dit jaarverslag. EXMAR blijft de situatie nauwgezet opvolgen.
De financiering voor de twee VLGC-schepen in aanbouw die midden 2021 worden opgeleverd is volledig afgerond. Het kredietbedrag van USD 72 miljoen per schip wordt deels aangewend om de leveringstermijnen aan de werf te betalen en deels (USD 10 miljoen / schip) om de prefinanciering aan MAP terug te betalen.
De belangrijke schattingen en oordelen die een risico kunnen inhouden van materiële aanpassing van de boekwaarden van activa en verplichtingen binnen het volgende boekjaar worden hieronder vermeld.
Gedurende de laatste maanden is de liquiditeitspositie van EXMAR positief geëvolueerd en in 2021 zal de liquiditeitspositie geleidelijk aan verder verbeteren :
De Vennootschap is van mening dat rekening gehouden met haar beschikbaar contant geld en liquide middelen en de niet opgenomen beschikbare kredietfaciliteiten op datum van opmaak van de geconsolideerde cijfers, haar geprojecteerde cashflows gebaseerd op goedgekeurde budgetten, er voldoende liquiditeiten zijn om aan de bestaande verplichtingen te voldoenen te voorzien in haar werkkapitaal behoeften voor een periode van tenminste 12 maanden te rekenen vanaf de goedkeuring van jaarverslag.
De geconsolideerde cijfers per 31 december 2020 werden opgemaakt gebaseerd op het principe van going concern. De belangrijkste veronderstellingen en onzekerheden voor EXMAR die aan de basis liggen van de continuïteitsbeoordeling hebben betrekking op:
EXMAR heeft ruim aan al haar financiële convenanten voldaan per 31 december 2020 en houdt nauw toezicht of er aan alle convenanten wordt voldaan. EXMAR gelooft dat rekening houdend met de vooruitzichten voor de rest van het jaar, en ongeacht de schattingen en oordelen hiervoor beschreven, dat aan alle convenanten per juni en december 2021 zal voldaan worden.
Rekening houdende met hierboven beschreven elementen is de Raad van Bestuur ervan overtuigd dat het Uitvoerend Comité in staat zal zijn om voldoende liquide middelen aan te houden om aan haar verplichtingen te voldoen voor het gebruik van de going concern assumptie. In het geval wanneer bovenstaande veronderstellingen niet tijdig gehaald worden, is er een materiële onzekerheid of de Vennootschap voldoende liquiditeiten zal hebben om aan haar verplichtingen te voldoen voor een periode van tenminste 12 maanden te rekenen vanaf de goedkeuring van deze financiële staten.
Het management voert een waardeverminderingsanalyse uit voor haar vloot. We verwijzen in dit verband eveneens naar toelichting 11 en 15 van dit verslag.
Het LNG schip EXCEL, dewelke eigendom was van één van onze joint ventures, was partij bij een leasingovereenkomst in het Verenigd Koninkrijk, waarbij de lessor de kapitaaluitgaven voor het aanschaffen van deze schepen kon afschrijven. Kenmerkend voor dit soort leasingovereenkomsten is dat de fiscale risico's en risico's van wetswijziging gedragen worden door de lessee. Onze joint venture beëindigde deze leasingovereenkomst in 2013. De belastingdienst van het Verenigd Koninkrijk ("HMRC") heeft een vraag om inlichtingen gesteld met betrekking tot de aftrek van deze kapitaaluitgaven.
Onze positie op basis van commerciële, wettelijke en financiële veronderstellingen is dat deze kapitaaluitgaven terecht werden afgetrokken en wij hebben HMRC hier ook van op de hoogte gebracht. Echter, indien HMRC de fiscale behandeling van de lease door de Britse lessor succesvol aanvecht, kunnen wij verplicht worden om de lessor schadeloos te stellen voor te betalen belastingen. Het bedrag op de bankrekening van onze joint venture (USD 1,7 miljoen voor het aandeel van EXMAR) wordt aangehouden om onze verplichtingen te dekken ten opzichte van de leasinggever en werd bijgevolg voorzien in het overzicht van gerealiseerde resultaten van 2019.
De Raad van Bestuur, vertegenwoordigd door Nicolas Saverys en Jalcos NV, vertegenwoordigd door Ludwig Criel en het directiecomité, vertegenwoordigd door Patrick De Brabandere (CFO) en Francis Mottrie (CEO), verklaren in naam en voor rekening van de vennootschap, dat, voorzover hen bekend,
In het kader van de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van EXMAR NV (de "vennootschap") en haar filialen (samen "de groep"), leggen wij u ons commissarisverslag voor. Dit bevat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening alsook de overige door wet- en regelgeving gestelde eisen. Dit vormt één geheel en is ondeelbaar.
Wij werden benoemd in onze hoedanigheid van commissaris door de algemene vergadering van 19 mei 2020, overeenkomstig het voorstel van het bestuursorgaan uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité. Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening afgesloten op 31 december 2022. Wij hebben de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van EXMAR NV uitgevoerd gedurende 4 opeenvolgende boekjaren.
Wij hebben de wettelijke controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van de groep, die de geconsolideerde balans op 31 december 2020 omvat, alsook het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten en geconsolideerd overzicht van niet-gerealiseerde resultaten, het geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht over het boekjaar afgesloten op die datum en de toelichting, met de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige informatieverschaffing, waarvan het totaal van de geconsolideerde balans 931 924 (000) USD bedraagt en waarvan het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten afsluit met een winst van het boekjaar van 91 960 (000) USD.
Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van het vermogen en van de financiële toestand van de groep op 31 december 2020 alsook van zijn geconsolideerde resultaten en van zijn geconsolideerde kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.
Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens de internationale controlestandaarden (ISA's) zoals van toepassing in België. Wij hebben bovendien de door IAASB goedgekeurde internationale controlestandaarden toegepast die van toepassing zijn op huidige afsluitdatum en nog niet goedgekeurd op nationaal niveau. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn verder beschreven in de sectie "Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening" van ons verslag. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid.
Wij hebben van het bestuursorgaan en van de aangestelden van de vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.
Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.
Wij vestigen de aandacht op toelichting "Belangrijke schattingen en oordelen voor financiële verslaggeving" van de geconsolideerde jaarrekening waarin vermeld staat dat de vennootschap geconfronteerd wordt met aanhoudende uitdagingen die de financiële positie onder druk zetten. Bij de opmaak van de jaarrekening heeft het bestuursorgaan rekening gehouden met twee belangrijke veronderstellingen dewelke tijdig en succesvol zullen moeten worden gerealiseerd zodat er voldoende liquiditeiten zullen zijn om aan de verplichtingen te voldoen voor een periode van tenminste twaalf maanden vanaf goedkeuring van de jaarrekening.
Deze twee veronderstellingen vormen een van materieel belang zijnde onzekerheid die significante twijfel kan doen rijzen over de mogelijkheid van de vennootschap om haar continuïteit te handhaven wanneer niet tijdig en succesvol gerealiseerd. Ons oordeel is niet aangepast met betrekking tot deze aangelegenheid.
156
Kernpunten van onze controle betreffen die aangelegenheden die naar ons professioneel oordeel het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode. Deze aangelegenheden zijn behandeld in de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover, en wij verschaffen geen afzonderlijk oordeel over deze aangelegenheden. In aanvulling tot de aangelegenheid beschreven in de sectie "Van materieel belang zijnde onzekerheid met betrekking tot de continuïteit", hebben wij de hierna beschreven aangelegenheid als een in ons verslag te communiceren kernpunt van onze controle vastgesteld.
| Kernpunten van de controle | Hoe onze controle de kernpunten van de controle behandelde | |||
|---|---|---|---|---|
| BIJZONDERE WAARDEVERMINDERINGEN VOOR VASTE ACTIVA - SCHEPEN | ||||
| •Vaste activa – schepen met een netto boekwaarde van 561 424 (000) USD vertegenwoordigen 60% van het geconsolideerde balanstotaal op 31 december 2020. De beoordeling door de directie van de waardering van vaste activa is belangrijk in het kader van onze audit omdat dit een complex proces betreft waarbij significante beoordelingen en inschattingen vanwege de directie noodzakelijk zijn. •In de loop van 2020 werd een overeenkomst tot schikking bereikt met klant YPF S.A. om het contract met betrekking tot Tango FLNG te beëindigen, hetwelke een specifieke indicator van mogelijke waardevermindering betreft. We bemerken hierbij dat Tango FLNG een significant deel vertegenwoordigt (omstreeks 50%) van de netto boekwaarde van de schepen zoals opgenomen in de gecon solideerde balans van EXMAR NV. VERWIJZING NAAR TOELICHTINGEN We verwijzen naar de geconsolideerde jaarrekening, inclusief toelichting: 11 – Schepen. We vestigen specifiek de aandacht op de verschafte toelichtingen omtrent de waarderingsanalyse van Tango FLNG. Deze toelichtingen geven uitleg omtrent de assumpties genomen in de bepaling van de gebruikswaarde, ondermeer reke ning houdend met informatie uit de lopende onderhandelingen met verschillende partijen omtrent het opnieuw inzetten van Tango FLNG. |
•We hebben het door de directie geïmplementeerde process en het ontwerp en de implementatie van de interne controles beoordeeld met betrekking tot de beoordeling van indicatoren van bijzon dere waardeverminderingen en het uitvoeren van bijzondere waardeverminderingsanalyses. •We zijn voor elke kasstroom genererende eenheid nagegaan of de indicatoren tot bijzondere waardeverminderingen, zoals bepaald in IAS 36, overwogen werden in de beoordeling van de directie. •Wij verkregen de waarderingsverslagen van externe makelaars dewelke door de directie worden gebruikt om in te schatten of er indicatoren zijn van bijzondere waardevermindering evenals voor het bepalen van de reële waarde minus verkoopkosten van de schepen. •We hebben een beoordeling gemaakt van de assumpties die door de directie gebruikt werden in de gebruikswaarde berekeningen, voornamelijk de meest kritische assumpties zoals de vrachttarieven na de contractperiode en de verdisconteringsvoeten. Tijdens het kritisch beoordelen van deze veronderstellingen hebben we reke ning gehouden met de werkelijke resultaten, reeds afgesloten contracten, externe informatie, onafhankelijke marktrapporten en marktomstandigheden. •Met betrekking tot Tango FLNG hebben we de directie alsook andere EXMAR verantwoordelijken bevraagd omtrent de status van de lopende onderhandelingen betreffende toekomstige verhuur, alsook hebben wij ondersteunende documentatie ingekeken. Verder hebben wij ook onze waarderingsexperten ingeschakeld om de gebruikswaarde berekening kritisch te beoordelen. •We hebben de geschiktheid van de toelichtingen met betrekking tot bijzondere waardeverminderingen voor vaste activa beoordeeld. |
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor de interne beheersing die het bestuursorgaan noodzakelijk acht voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten.
Bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening is het bestuursorgaan verantwoordelijk voor het inschatten van de mogelijkheid van de groep om haar continuïteit te handhaven, het toelichten, indien van toepassing, van aangelegenheden die met continuïteit verband houden en het gebruiken van de continuïteitsveronderstelling, tenzij het bestuursorgaan het voornemen heeft om de groep te liquideren of om de bedrijfsactiviteiten te beëindigen of geen realistisch alternatief heeft dan dit te doen.
Onze doelstellingen zijn het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid over de vraag of de geconsolideerde jaarrekening als geheel geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten en het uitbrengen van een commissarisverslag waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid, maar is geen garantie dat een controle die overeenkomstig de ISA's is uitgevoerd altijd een afwijking van materieel belang ontdekt wanneer die bestaat. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de economische beslissingen genomen door gebruikers op basis van deze geconsolideerde jaarrekening, beïnvloeden.
Bij de uitvoering van onze controle leven wij het wettelijk, reglementair en normatief kader na dat van toepassing is op de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België. De wettelijke controle biedt geen zekerheid omtrent de toekomstige levensvatbaarheid van de vennootschap, noch van de efficiëntie of de doeltreffendheid waarmee het bestuursorgaan de bedrijfsvoering van de vennootschap ter hand heeft genomen of zal nemen.
Als deel van een controle uitgevoerd overeenkomstig de ISA's, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel-kritische instelling gedurende de controle. We voeren tevens de volgende werkzaamheden uit:
Wij verschaffen aan het auditcomité tevens een verklaring dat wij de relevante deontologische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd, en wij communiceren met hen over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en, waar van toepassing, over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen.
Uit de aangelegenheden die aan het auditcomité zijn gecommuniceerd bepalen wij die zaken die het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode, en die derhalve de kernpunten van onze controle uitmaken. Wij beschrijven deze aangelegenheden in ons verslag, tenzij het openbaar maken van deze aangelegenheden is verboden door wet- of regelgeving.
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, de verklaring van niet-financiële informatie gehecht aan dit jaarverslag en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening.
In het kader van ons mandaat en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden (ISA's), is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, de verklaring van niet-financiële informatie gehecht aan dit jaarverslag en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport te verifiëren, alsook verslag over deze aangelegenheden uit te brengen.
Na het uitvoeren van specifieke werkzaamheden op het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij van oordeel dat dit jaarverslag overeenstemt met de geconsolideerde jaarrekening voor hetzelfde boekjaar en is opgesteld overeenkomstig het artikel 3:32 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
In de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij tevens verantwoordelijk voor het overwegen, in het bijzonder op basis van de kennis verkregen tijdens de controle, of het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat, hetzij informatie die onjuist vermeld is of anderszins misleidend is. In het licht van de werkzaamheden die wij hebben uitgevoerd, dienen wij u geen afwijking van materieel belang te melden.
De niet-financiële informatie zoals vereist op grond van artikel 3:32, § 2 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, werd opgenomen in het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening. De vennootschap heeft zich bij het opstellen van deze niet-financiële informatie gebaseerd op een internationaal erkende referentiemodel. Overeenkomstig artikel 3:80 § 1, 5° van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen spreken wij ons niet uit over de vraag of deze niet-financiële informatie is opgesteld in overeenstemming met dit internationaal erkend referentiemodel.
Huidig verslag is consistent met onze aanvullende verklaring aan het auditcomité bedoeld in artikel 11 van de verordening (EU) nr. 537/2014. Getekend te Zaventem.
De commissaris Deloitte Bedrijfsrevisoren BV
Vertegenwoordigd door Rik Neckebroeck en Ben Vandeweyer

De jaarrekening van EXMAR NV wordt hierna volgens een beknopt schema voorgesteld. De volledige versie van de jaarrekening van EXMAR NV wordt neergelegd bij de Nationale Bank van België en is beschikbaar op de website (www.exmar.be). Een kopie van de jaarrekening kan kosteloos verkregen worden op aanvraag. In zijn verslag heeft de commissaris geen voorbehoud gemaakt betreffende de statutaire jaarrekening van EXMAR NV.
| BALANS (IN DUIZENDEN USD) |
31/12/2020 | 31/12/2019 |
|---|---|---|
| ACTIVA | ||
| VASTE ACTIVA | 609.154 | 703.235 |
| Immateriële en materiële vaste activa | 205 | 414 |
| Financiële vaste activa | 608.949 | 702.821 |
| VLOTTENDE ACTIVA | 98.985 | 120.100 |
| Vorderingen op ten hoogste 1 jaar | 79.950 | 70.344 |
| Geldbeleggingen | 9.025 | 17.501 |
| Liquide middelen | 9.335 | 31.965 |
| Overlopende rekeningen | 675 | 290 |
| TOTALE ACTIVA | 708.139 | 823.335 |
| PASSIVA | ||
| EIGEN VERMOGEN | 609.191 | 704.115 |
| Kapitaal | 88.812 | 88.812 |
| Uitgiftepremies | 209.902 | 209.902 |
| Reserves | 78.444 | 84.103 |
| Overgedragen resultaat | 232.033 | 321.298 |
| VOORZIENINGEN | 337 | 337 |
| Voorzieningen en uitgestelde belastingen | 337 | 337 |
| SCHULDEN | 98.611 | 118.883 |
| Schulden op ten hoogste 1 jaar | 98.611 | 118.883 |
| TOTAAL PASSIVA | 708.139 | 823.335 |
160
| WINST - EN VERLIESREKENING | 01/01/2020 | 01/01/2019 | |
|---|---|---|---|
| (IN DUIZENDEN USD) | -31/12/2020 | -31/12/2019 | |
| WINST - EN VERLIESREKENING | |||
| Bedrijfsopbrengsten | 3.295 | 3.538 | |
| Bedrijfskosten | -9.886 | -9.075 | |
| BEDRIJFSRESULTAAT | -6.591 | -5.537 | |
| Financiële opbrengsten | 21.124 | 58.350 | |
| Financiële kosten | -98.492 | -5.816 | |
| RESULTAAT VOOR BELASTINGEN | -83.959 | 46.997 | |
| Belastingen op het resultaat | -13 | -2.112 | |
| RESULTAAT VAN HET BOEKJAAR | -83.972 | 44.885 | |
| RESULTAATSVERWERKING | |||
| Te bestemmen winst | 237.325 | 319.063 | |
| Onttrekking/toevoeging aan reserves | 5.660 | 2.235 | |
| Over te dragen resultaat | -232.033 | -321.298 | |
| Uitkering van winst | -10.952 | 0 |


| BCCA | Belgische wet van vennootschappen en verenigingen |
|---|---|
| BCM | Biljoen kubieke meters |
| BOC | Bank of China |
| BTX | Mengsels van benzeen, tolueen en de drie xyleenisomeren |
| cbm | Kubieke meters (m³) |
| CCS | Carbon capture and storage |
| CCU | Carbon Capture and Use |
| CCUS | Carbon Capture, Utilisation and Storage |
| CDI | Chemical Distribution Institute |
| CEO | Chief Executive Officer |
| CFO | Chief Financial Officer |
| CO2 | Koolstofdioxide |
| COO | Chief Operating Officer |
| COSO | Committee of Sponsoring Organizations |
| DCS | Data collection system |
| DNV | Det Norske Veritas |
| DSRA | Debt Service Reserve Account |
| DVO | DV Offshore |
| Dwt | Deadweight tonnage |
| EBIT | Earnings before interest and taxes |
| EBITDA | Earnings before interest, taxes, depreciation, and amortization |
| ECA | Emission Control Area |
| EEDI | Energy Efficiency Design Index |
| EEOI | Energy Efficiency Operational Indicator |
| EEXI | Energy Efficiency Existing Ship Index |
| EOC | EXMAR Offshore Company |
| ESG | Environment, Social, Governance |
| ESI | Environmental Ship Index |
| ESM | EXMAR Shipmanagement |
| FECU | Floating Energy Conversion Unit |
| FEED | Front End Engineering Design |
| FID | Final Investment Decision |
| FLNG | Floating Liquefaction of Natural Gas |
| FPS | Floating Production System |
| FPSO | Floating Production Storage and Offloading-unit |
| FSO | Floating Storage and Offloading |
| FSU | Floating Storage Unit |
| FSPO | Floating Storage Production and Offloading |
| FSRP | Floating Storage Regasification and Power generation |
| FSRU | Floating Storage and Regasification Unit |
| GDPR | General Data Protection Regulation |
| GHG | Greenhouse gas |
| HERTL | Helideck Emergency Response Team Leader |
| HFO | Heavy Fuel Oil |
| HLO | Helicopter Landing Officer |
| HMPE | High Modulus Polyethylene |
| HSEQ | Health, Safety, Environment and Quality |
| HSEEQ | Health, Safety, Environmental Energy and Quality |
| HSSEQ | Health, Safety, Security, Environment and Quality |
| HyMethShip | Hydrogen Methanol Ship |
| IAS | International Accounting Standards |
| IFRS | International Financial Reporting Standards |
| IMO | International Maritime Organization |
|---|---|
| ISM | International Safety Management |
| ISO | International Organization for Standardization |
| JV | Joint venture |
| KPI | Key Performance Indicators |
| LGC | Large Gas Carrier |
| LNG | Liquefied Natural Gas |
| LNG/C | Liquefied Natural Gas Carrier |
| LNGRV | Liquefied Natural Gas Regasification Vessel |
| LOHC | Liquid Organic Hydrogen Carriers |
| LPG | Liquefied Petroleum Gas |
| LTI | Lost Time Injurie |
| LTIF | Lost Time Injury Frequency |
| M³ | Cubic metres |
| MCRM | Maritime Crew Resource Management |
| MEG | Mono-ethylene glycol |
| MEPC | Marine Environment Protection Committee |
| MGC | Midsize Gas Carrier |
| MGO | Magnesium oxide |
| Midsize | 20,000 m³ to 40,000 m³ |
| Mio | Million |
| MT | Metric tonnes |
| MTPA | Million tonnes per annum |
| MW | Megawatt |
| MWh | Megawatt hour |
| NHᶾ | Ammonia |
| NM | Nautical Mile |
| NOx | Nitrogen oxide |
| NWE | North-West Europe |
| O&M | Operations & Maintenance |
| OB | Orderbook |
| OCIMF | Oil Companies Marine International Forum |
| OPEX | Operating Expenditures |
| OVID | Offshore Vessel Inspection Database |
| PDH | Propane DeHydrogenation |
| Petchems | Petrochemicals |
| PPM | Parts per million |
| PVC | Polyvinyl chloride |
| REBITDA | Recurring earnings before interests, taxes, depreciations and amortizations |
| SCR | Selective Catalytic Reduction |
| SEEMP | Ship Energy Efficiency Management Plan |
| SDG | Sustainable Development Goal |
| SECA | Sulphur Emission Control Area |
| Semi-ref. | Semi-refrigerated LPG carrier |
| SIRE | Ship Inspection Report Programme |
| SMS | Safety Management Systems |
| SOx | Sulfur Oxides |
| SRDII | Second Shareholders' Rights Directive |
| STS | Ship-to-ship |
| TC | Time charter |
| TCE | Time charter equivalent |
| TMSA | Tanker Manager Self-Assesment |
| TRCF | Total Recordable Cases Frequency |
| U/C | Under Construction |
| ULCV | Ultra Large Container Vessel |
| ULGC | Ultra Large Gas Carrier |
| UN | United Nations |
| US | United States |
| USCG | United States Coast Guard |
| USD | |
| United States Dollar | |
| VCM | Vinyl Chloride Monomer |
| VLGC | Very Large Gas Carrier |
| VLSFO | Very Low Sulphur Fuel Oil |
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.