Annual Report • Apr 14, 2022
Annual Report
Open in ViewerOpens in native device viewer


Nicolas Saverys – Executive Chairman FMO BV vertegenwoordigd door Francis Mottrie – CEO ACACIA I BV vertegenwoordigd door Els Verbraecken Maryam Ayati Michel Delbaere Wouter De Geest Carl-Antoine Saverys Stephanie Saverys Baron Philippe Vlerick Isabelle Vleurinck
FMO BV vertegenwoordigd door Francis Mottrie Chief Executive Officer FINMORE BV vertegenwoordigd door Christine Verhaert Chief Financial Officer FLX Consultancy BV vertegenwoordigd door Jonathan Raes Executive Director Infrastructure LISANN AS vertegenwoordigd door Jens Ismar Executive Director Shipping
Deloitte Auditors Vertegenwoordigd door de heren Rik Neckebroeck en Ben Vandeweyer
De Gerlachekaai 20 Tel: +32(0)3 247 56 11 Fax: +32(0)3 247 56 01 Ondernemingsnummer: 0860.409.202 RPR Antwerp – afdeling Antwerpen Website: www.exmar.be E-mail: [email protected]
Alle persberichten van EXMAR kunnen geraadpleegd worden op de website: www.exmar.be
Vragen kunnen telefonisch gesteld worden op het nummer +32(0)3 247 56 11 of per mail [email protected], ter attentie van FINMORE BV vertegenwoordigd door Christine Verhaert (CFO) of Mathieu Verly (secretaris).
Gedrukte financiële verslagen kunnen worden aangevraagd op [email protected] De Nederlandstalige
versie van dit verslag moet als officiële versie worden beschouwd.


2021 was wederom een uitzonderlijk jaar. We danken daarom in het bijzonder onze medewerkers, die met positieve mindset de voortdurende gevolgen van de COVID-pandemie aanpakten.
Terwijl we dit schrijven, veroorzaakt het escalerende conflict in Oekraïne al grote onzekerheid voor 2022, niet alleen vanuit menselijk oogpunt, maar ook wat betreft de stabiliteit van de globale energiemarkten. In die context zijn EXMARs drijvende oplossingen voor de import en export van gas een troef in de energiewaardeketen.
Voor LPG en NH3 (ammoniak), bleven de bijdragen van de vrachtprijzen aan de bedrijfswinst stabiel. De LNGprijzen bleven stijgen door geopolitieke spanningen en dus stijgende energiemarkten. Vrachtprijzen in LNG gingen van hoogtes naar laagtes, en bleven heel volatiel.
Voor de drijvende liquefactie-eenheid TANGO FLNG, zetten we diverse projecten en commerciële onderhandelingen verder. De onderliggende energie- en aardgasprijs is een opsteker.
De eenheid kan ingezet worden om het affakkelen of "flaring" van aardgas te voorkomen. Het voorkomt CO2 en methaanuitstoot, en kan dienen als snel inzetbare export terminal voor aardgas.
Ons hervergassingsplatform FSRU S188 kreeg meer aanvragen sinds de tweede helft van 2021 en ondertussen werd een overeenkomst afgesloten met GASUNIE voor een charter van vijf jaar.
EXMAR verkocht een design van de vierde OPTI® , voor een productieplatform dat zal worden ingezet in de Golf van Mexico.
Een belangrijk hoogtepunt dit afgelopen jaar was de oplevering van twee van 's wereld's eerste dual fuel VLGC schepen, "FLANDERS PIONEER" en "FLANDERS INNOVATION" die op LPG kunnen varen als uitstootbeperkende brandstof. Beide zijn ingezet op lange termijn charter.
Onze andere schepen en barges hebben in lijn met de verwachtingen gepresteerd en onze liquiditeitspositie werd in 2021 verder verstevigd mede door de YPF schikking en de succesvolle GUNVOR arbitrage.
In november heeft EXMAR een driejarige kredietovereenkomst met Sequoia Economic Infrastructure Income Fund getekend voor een bedrag van USD 50 miljoen.
EXMAR zet zich actief in voor innovaties en onderzoek naar energietransitie en alternatieve brandstoffen.
EXMAR sloot partnerships af voor het design van een nieuwe CO2 -tanker en nieuwe applicaties rond NH3 (ammoniak) en H2 (waterstof) nu er nieuwe mogelijkheden ontstaan voor het vervoer van waterstof.
In naam van de Raad van Bestuur en het Management van EXMAR, danken wij dan ook nogmaals iedereen voor de trouwe steun aan ons bedrijf.
Nicolas Saverys – Executive Chairman Francis Mottrie - CEO
1.3 ONZE BUSINESS 14
3 ZORG VOOR VANDAAG, RESPECT VOOR MORGEN 42

6 WOORDENLIJST 190
4 CORPORATE GOVERNANCE VERKLARING 74 4.1. CORPORATE GOVERNANCE VERKLARING 76

| 1.1 | FINANCIEEL OVERZICHT 8 | |
|---|---|---|
| 1.2 | EXMAR IN EEN OOGOPSLAG 10 | |
| 1.3 | ONZE BUSINESS 14 |
| International Financial Reporting Standards (IFRS) (1) |
Management rapportering gebaseerd op proportionele consolidatie (2) |
||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2021 | 2020 | 2021 | 2020 | ||||
| GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE RESULTATEN (IN MILJOEN USD) | |||||||
| Opbrengsten | 148,2 | 285,2 | 247,0 | 384,2 | |||
| EBITDA | 51,3 | 177,5 | 113,6 | 239,9 | |||
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | -48,9 | -38,3 | -76,6 | -102,2 | |||
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 2,4 | 139,2 | 37,0 | 137,6 | |||
| Netto financieel resultaat | -10,6 | -28,4 | -21,8 | -42,6 | |||
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen en joint ventures (na belastingen) |
21,8 | -17,8 | -1,5 | -2,1 | |||
| Resultaat vóór belastingen | 13,6 | 93,0 | 13,6 | 93,0 | |||
| Belastingen op het resultaat | -1,9 | -1,0 | -2,0 | -1,0 | |||
| Geconsolideerd resultaat na belastingen | 11,6 | 92,0 | 11,6 | 92,0 | |||
| Aandeel van de Groep in het resultaat | 11,6 | 91,9 | 11,6 | 91,9 | |||
| GEGEVENS PER AANDEEL (IN USD PER AANDEEL) | |||||||
| Gewogen gemiddelde van het aantal aandelen tijdens de periode |
57.226.737 | 57.226.737 | 57.226.737 | 57.226.737 | |||
| EBITDA | 0,90 | 3,10 | 1,98 | 4,19 | |||
| EBIT (bedrijfsresultaat) | 0,04 | 2,43 | 0,65 | 2,41 | |||
| Geconsolideerd resultaat na belastingen | 0,20 | 1,61 | 0,20 | 1,61 | |||
| GEGEVENS PER AANDEEL (IN EUR PER AANDEEL) | |||||||
| Wisselkoers | 1,1894 | 1,1384 | 1,1894 | 1,1384 | |||
| EBITDA | 0,75 | 2,72 | 1,67 | 3,68 | |||
| EBIT (bedrijfsresultaat)) | 0,03 | 2,14 | 0,54 | 2,11 | |||
| Geconsolideerd resultaat na belastingen | 0,17 | 1,41 | 0,17 | 1,41 | |||
Voetnoot 1: De cijfers in deze kolommen werden opgemaakt op basis van IFRS zoals toegepast door de EU.
Voetnoot 2: De cijfers in deze kolommen tonen de joint ventures die de proportionele consolidatiemethode toepassen in plaats van de vermogensmutatiemethode.
Een reconciliatie tussen de bedragen met toepassing van de proportionele methode en de vermogensmutatiemethode is weergegeven in toelichting 3 Segmentraportering in het Financieel Verslag van 2021.
(volgens de proportionele consolidatiemethode, in miljoen USD)






2020
2021
GECORRIGEERDE




| Shipping | Infrastructure | Diensten | Eliminaties | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2021 | 2020 | 2021 | 2020 | 2021 | 2020 | 2021 | 2020 |

(*) EBITDA gecorrigeerd voor bepaalde niet-recurrente transacties waarvan management van mening is dat het niet opnemen een betere weergave is van de actuele prestatie van de Groep.
Volgende elementen werden uitgesloten van de gecorrigeerde EBITDA berekening:
2021: opzegvergoeding van GUNVOR met betrekking tot de charterovereenkomst voor de FSRU S188 (Infrastructure: USD 56,8 miljoen) en andere opzegvergoedingen (Diensten: USD 0,5 miljoen); > 2020: schikkingsvergoeding YPF (Infrastructure: USD 149,1 miljoen) en opzegvergoedingen Excelerate Energy (Diensten: USD 13,0 miljoen).
Het aandeel van EXMAR is genoteerd op Euronext Brussel en maakt deel uit van de BEL Small Index (EXM). De referentieaandeelhouder is SAVEREX NV.
Aandelenverdeling per 31 december 2021:
47,388% Freefloat
43,79% SAVEREX
3,82% EXMAR
5,002% Cobas Asset Management S.G.I.I.C. SA
UK Frankrijk
VS Jamaica
28 april 2022 17 mei 2022 8 september 2022 27 oktober 2022
Resultaten 1e kwartaal 2022 Aandeelhoudersvergadering Resultaten 1e semester 2022 Resultaten 3e kwartaal 2022
10 I 1. PANORAMA
1.2 EXMAR IN EEN OOGOPSLAG
1.849 waarvan
1.615
zeevarend 234 aan wal Aandeel vrouwelijke werknemers hoofdkantoor:
45%
Hoofdkantoor
83 69
Nationaliteiten
43
nationaliteiten aanwezig (zeevarenden en aan wal)

EXMAR ontvangt een kennisgeving van vervroegde beëindiging van de charterers, GUNVOR, volgend op de positieve tussentijdse uitspraak van de lopende arbitrage in verband met de charterovereenkomst van de FSRU S188.
Het accommodatieplatform WARIBOKO is in dienst genomen door Total Exploration & Production.
Verkoop TOURAINE.
EXMAR biedt maritieme oplossingen voor de exploitatie, het vervoer en de transformatie van gas aan. EXMAR wil zijn klanten van dienst zijn met innovaties op het vlak van offshore-ontginning, transformatie, productie, opslag en vervoer over zee van vloeibaar aardgas, petrochemische gassen en vloeibare koolwaterstoffen.
EXMAR is een toonaangevende scheepseigenaar en operator in het transport van vloeibaar aardgas (LNG), vloeibaar petroleumgas (LPG), ammoniak (NH3 ) en petrochemische gassen. Deze industriële nichemarkten voor het scheepstransport bestaan overwegend uit gevestigde spelers met een operationele focus op lange termijn. De unieke kenmerken van de vervoerde producten vereisen zeer geavanceerde schepen en gespecialiseerde operationele vaardigheden, zowel aan boord als aan wal. Dankzij de expertise en kennis van zijn verleden als scheepsbouwer is EXMAR een belangrijke speler in dit segment geworden, met een focus op baanbrekende oplossingen voor de energietoeleveringsketen en op maritieme technische innovatie. Dit is mogelijk gemaakt door ons eigen interne departement voor technisch ship management, technisch onderzoek en ontwikkeling.
Vandaag controleert EXMAR een vloot van 37 schepen en platformen in volledige eigendom, in eigendom in joint venture of onder tijdbevrachtingscontract. De volledige vlootlijst omvat de volgende types gastankers en platformen:
EXMAR bezit 10 pressurized schepen met een capaciteit van 3.500 tot 5.000 m3 . De vracht, meestal LPG of petrochemische gassen, wordt op bijna-omgevingstemperatuur vervoerd in cilindrische druktanks die berekend zijn op een druk tot 20 bar.
Het merendeel van de vloot van EXMAR bestaat uit volledig gekoelde schepen met prismatische laadruimtes die ontworpen zijn om producten te vervoeren op lage temperatuur (meestal volledig gekoelde LPG en ammoniak) en op bijnaatmosferische druk. Dit wordt mogelijk gemaakt door geïnstalleerde koelsystemen die de schepen efficiënt maken voor het vervoer op de lange vaart. Volledig gekoelde gastankers hebben meestal een capaciteit van meer dan 20.000 m3 , om te genieten van schaalvoordelen.
• Midsize Gas Carriers (MGC):
EXMAR is momenteel in joint venture eigenaar van 17 schepen en heeft twee schepen onder tijdbevrachtingscontract, beide met een capaciteit tussen 35.000-38.000 m3 .
• Very Large Gas Carrier (VLGC): EXMAR bezit momenteel twee ultramoderne LPG-schepen met een capaciteit van 88.000 m3 en één schip in tijdbevrachting met een capaciteit van 83.000 m3 .
EXMAR bezit momenteel één LNG-tanker die hoofdzakelijk wordt gebruikt voor het vervoer van LNG over de hele wereld. De tanker heeft ook dienst gedaan als drijvende LNG-opslag op plaatsen waar de lokale opslagfaciliteiten beperkt zijn.
EXMAR bezit twee platformen die worden gebruikt voor de liquefactie of hervergassing van LNG. Het bezit ook twee speciaal gebouwde offshore accommodatieplatformen. Raadpleeg het hoofdstuk Infrastructure voor een gedetailleerde uitleg over de benutting van deze platformen.
1.3 ONZE BUSINESS
| Capaciteit 100% (m3 Type ) Bouwjaar Vlag Eupen Midsize LPG 39.375 1999 Liberia Libramont Midsize LPG 38.940 2006 België Sombeke Midsize LPG 38.902 2006 België Kaprijke Midsize LPG 38.837 2015 België Knokke Midsize LPG 38.853 2016 België Kontich Midsize LPG 38.867 2016 België Kortrijk Midsize LPG 38.880 2016 België |
|
|---|---|
| Status | |
| joint venture | |
| joint venture | |
| joint venture | |
| joint venture | |
| joint venture | |
| joint venture | |
| joint venture | |
| Kruibeke Midsize LPG 38.871 2017 België |
joint venture |
| Kallo Midsize LPG 38.850 2017 België |
joint venture |
| Kapellen Midsize LPG 38.860 2018 België |
joint venture |
| Koksijde Midsize LPG 38.849 2018 België |
joint venture |
| Waasmunster Midsize LPG 38.498 2014 België |
joint venture |
| Warinsart Midsize LPG 38.465 2014 België |
joint venture |
| Waregem Midsize LPG 38.442 2014 België |
joint venture |
| Warisoulx Midsize LPG 38.480 2015 België |
joint venture |
| Wepion Midsize LPG 38.577 2018 België |
joint venture |
| Bastogne Midsize LPG 35.572 2002 België |
joint venture |
| Antwerpen Midsize LPG 35.223 2005 Hongkong |
time chartered |
| Sylvie Midsize LPG 35.217 2007 Hongkong |
time chartered |
| ZEER GROTE GASTANKERS (VLGC - VERY LARGE GAS CARRIERS) | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Type | Capaciteit 100% (m3 ) |
Bouwjaar | Vlag | Status | |||
| BW Tokyo | VLGC | 83.270 | 2009 | Singapore | time chartered | ||
| Flanders Pioneer | VLGC | 87.812 | 2021 | België | eigen bezit | ||
| Flanders Innovation | VLGC | 87.809 | 2021 | België | eigen bezit |
| Type | Capaciteit 100% (m3 ) |
Bouwjaar | Vlag | Status | |
|---|---|---|---|---|---|
| Sabrina | Pressurized | 5.018 | 2009 | Hongkong | eigen bezit |
| Helane | Pressurized | 5.018 | 2009 | Hongkong | eigen bezit |
| Fatime | Pressurized | 5.018 | 2010 | Hongkong | eigen bezit |
| Debbie | Pressurized | 3.540 | 2009 | Hongkong | eigen bezit |
| Anne | Pressurized | 3.540 | 2010 | Hongkong | eigen bezit |
| Magdalena | Pressurized | 3.540 | 2008 | Hongkong | eigen bezit |
| Joan | Pressurized | 3.540 | 2009 | België | eigen bezit |
| Marianne | Pressurized | 3.540 | 2009 | België | eigen bezit |
| Elisabeth | Pressurized | 3.540 | 2009 | België | eigen bezit |
| Angela | Pressurized | 3.540 | 2010 | België | eigen bezit |
| LNG - LIQUIFIED NATURAL GAS TANKER | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Type | Capaciteit 100% (m3 ) |
Bouwjaar | Vlag | Status | |
| Excalibur | LNG | 138.034 | 2002 | België | joint venture |
| DRIJVENDE LIQUIFACTIE- EN HERVERGASSINGSPLATFORMEN | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Type | Capaciteit | Bouwjaar | Vlag | Status | |
| FSRU S188 | FSRU | 3 MTPA | 2017 | Liberia | eigen bezit |
| Tango FLNG | FLNG | 0,5 MTPA | 2017 | Liberia | eigen bezit |
| OFFSHORE ACCOMODATIEPLATFORMEN | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Type | Capaciteit | Bouwjaar | Vlag | Status | |
| Nunce | Accomodation | 350pax | 2009 | Liberia | joint venture |
| Wariboko | Accomodation | 300pax | 2010 | Liberia | joint venture |

Voor de analyse van de marktdrivers is het belangrijk om te begrijpen hoe energieproducten worden geproduceerd en ontwikkeld in het geheel van hun waardeketen, en hoe ze op de consumptiemarkten worden gebruikt. Anders dan op de markten van de droge vracht of de ruwe olie, worden hier geen onbewerkte maar (half)afgewerkte producten vervoerd.
Daardoor spelen veel verschillende marktkrachten een rol, elk met hun eigen inherente complexiteit.
LNG is door koeling vloeibaar gemaakt aardgas, dat op min 164 graden Celsius tot één zeshonderdste van zijn oorspronkelijke volume herleid is. Aardgas wordt gebruikt voor de productie van elektriciteit en als industriële grondstof voor kunstmest en een uitgebreid gamma plastics. Het wordt ook gebruikt voor commerciële of residentiële verwarmingstoepassingen. Om LNG te kunnen vervoeren, zijn met speciale isolatie uitgeruste LNGtankers ontworpen en gebouwd, die een afzonderlijk segment voor het LNG shipping segment vormen.
EXMAR is eigenaar van één LNG-tanker die momenteel wereldwijd wordt geëxploiteerd. Hij wordt gebruikt voor het vervoer van producten en voor drijvende opslag op plaatsen waar de opslag aan wal beperkt is.
Zoals blijkt uit de illustratie van de LPG-waardeketen wordt LPG geproduceerd tijdens de raffinage van olie of wordt het afgescheiden tijdens de verwerkingsprocessen van vloeibaar aardgas. LPG, voornamelijk propaan en butaan, is dus een nevenproduct. LPG kan voor diverse doeleinden worden gebruikt, bijvoorbeeld als grondstof in raffinaderijen en de petrochemische industrie, als brandstof voor voertuigen, in de landbouw voor onder meer het drogen van gewassen, en in mindere mate als brandstof voor elektriciteitscentrales. Aangezien de wereldwijde productie van aardgas blijft toenemen, verwacht men dat in de toekomst grotere hoeveelheden LPG zullen worden geproduceerd en wereldwijd verscheept.
EXMAR exploiteert momenteel 19 midsize gas carriers (MGC), elk met een capaciteit van 35.000-38.000 m3 . Deze schepen zijn volledig gekoeld, zijn uitgerust met prismatische tanks en vervoeren LPG bij temperaturen rond min 48 graden Celsius.
EXMAR bezit en exploiteert ook twee ultramoderne dual fuel schepen (LPG). Dit zijn zeer grote gastankers (Very Large Gas Carriers - VLGC's) met een capaciteit van 88.000 m3 . Ze zijn ontworpen om te varen op LPG als scheepsbrandstof, wat de uitstoot van broeikasgassen aanzienlijk vermindert (tot 15% voor kooldioxide, tot 10% voor stikstofoxide en tot 90% voor fijnstof).
Een derde VLGC wordt op langere termijn ingecharterd.


Downstream markt
Ammoniak (NH3 ) wordt normaal verkregen door stikstof toe te voegen aan een stoomproces met aardgas als belangrijkste grondstof. Het wordt vooral gebruikt als basiscomponent voor de productie van kunstmest (ureum, nitraten en NPK), springstoffen voor civiel gebruik of caprolactan (voor industriële toepassingen zoals synthetisch textiel en airbags in auto's).
Om de wereldwijde decarbonisatie te ondersteunen, focust men meer en meer op de productie en opslag van ammoniak, vanwege zijn potentieel om de vervuilende uitstoot sterk te verlagen en als oplossing voor het transport van waterstof. In de scheepvaartsector zal ammoniak naar verwachting over enkele jaren worden gebruikt als een belangrijke scheepsbrandstof die de CO2 -uitstoot van de uitlaatgassen tot bijna nul zal reduceren.
Ammoniak wordt vervoerd in de volledig gekoelde middelgrote gasschepen van EXMAR met prismatische tanks die de laadcapaciteit van het schip maximaliseren. De lading wordt bewaard op -33 graden Celsius. Ongeveer 33% van alle schepen in de vloot van EXMAR vervoert ammoniak. EXMAR heeft een intentieverklaring ondertekend met de Canadese meststoffenproducent NUTRIEN voor de bouw en exploitatie van één of meer schepen
die op ammoniak varen. Deze samenwerking is erop gericht de emissies van NUTRIEN in zijn zeevervoer aanzienlijk te verminderen.
Zoals de grafiek van de LPG-waardeketen toont, worden petrochemische gassen aan het eind van de petrochemische cyclus geproduceerd en afgeleid uit het stoomkraken van olie en gas. Deze gassen bestaan voornamelijk uit ethyleen en propyleen, die worden gebruikt voor de productie van verschillende soorten polymeren en plastics. VCM (vinylchloridemonomeer) en ruwe C4 worden vaak gebruikt voor de productie van respectievelijk PVC en rubberproducten.
EXMAR exploiteert 10 pressurized schepen met een capaciteit van 3.500 tot 5.000 m3 . Deze schepen, die gewoonlijk LPG of petrochemische gassen vervoeren, varen aan weerszijden van het Suezkanaal.

EXMAR heeft in 2021 niet minder dan 782 reizen uitgevoerd om gasproducten veilig en betrouwbaar naar klanten overal ter wereld te brengen. De diagrammen tonen het totale aantal vervoerde ladingen en uitgevoerde reizen voor elk van de segmenten waarin EXMAR actief is. LPG vertegenwoordigde ongeveer 68% van de vrachten, ammoniak 19%, petrochemische gassen 7% en LNG 6%. EXMAR is een betrouwbare marktspeler in de overschakeling van diverse ladingtypes en de overslag tussen schepen op zee. De flexibiliteit die deze activiteiten de klanten van EXMAR bieden, wordt vaak gevraagd in het midsize gassegment, dat het grootste deel van de vloot van EXMAR vertegenwoordigt. Naast de limieten van de omvang van de schepen, verplichten haven- of operationele beperkingen de eigenaren vaak om op zee vrachten te laden uit of te lossen in kleinere schepen. Een veilige overslag tussen schepen vereist ervaren bemanningen, een zorgvuldige coördinatie en het gebruik van passende uitrusting.
In dit opzicht kan EXMAR prat gaan op een beproefde staat van dienst, ook op het vlak van de veiligheid, met de uitvoering in 2021 van 247 operaties voor overslag. De meeste transfers gebeurden met butaan (53%) en propaan (29%), het restant (18%) met LPG-mengsels.

LNG


EXMAR Infrastructure ontwikkelt innovatieve en snel inzetbare infrastructuuroplossingen voor de bewerking van olie en gas, om de energie-industrie te ondersteunen bij de levering van schone en betaalbare energie aan gemeenschappen.
EXMAR Infrastructure bezit momenteel vier zelf ontwikkelde platformen: twee drijvende LNG-terminals, TANGO FLNG, FSRU S188, en twee accommodatieplatformen, NUNCE en WARIBOKO. EXMAR Offshore Company in Houston (EOC) en DV Offshore in Parijs (DVO) vullen de activiteiten van Infrastructure aan met sterke competenties in maritieme en productieengineering.
De TANGO FLNG is een drijvende LNG-terminal voor de liquefactie van aardgas tot LNG, dat vervolgens wordt overgeladen in LNG-tankers die langszij liggen, voor export naar landen die LNG invoeren.
De FSRU S188 hervergast geïmporteerde LNG en injecteert het aardgas in de pijpleidingsinfrastructuur op het vasteland voor huishoudelijk verbruik, elektriciteitsproductie of andere industriële toepassingen.
Beide platformen zijn snel leverbare, flexibele en kostenefficiënte drijvende alternatieven voor de terminals aan land die traditioneel worden gebruikt voor de import/export van LNG. De TANGO FLNG en de FSRU S188 stellen de klanten in staat om tegen een competitieve kostprijs deze markten te betreden. Ze kunnen snel en zonder grote investeringen gemobiliseerd en geconnecteerd worden op de pijpleidinginfrastructuur. De WARIBOKO en de NUNCE zijn accommodatie- en werkplatformen die logies bieden aan respectievelijk 300 tot 350 personen aan boord, met hutten van verschillende grootte, catering en vrijetijdsactiviteiten. Accommodatieplatformen bieden essentiële ondersteuning ter plaatse aan exploratie- en productiebedrijven voor olie en gas. Zij verschaffen de nodige flexibele verblijfsinfrastructuur aan exploitanten en aannemers in de onmiddellijke nabijheid van offshore olie- en gasactiviteiten.
EXMAR Offshore Company (EOC) is een studiebureau voor olie- en gas engineering dat in 1997 werd opgericht. Het telt meer dan 75 scheepsbouwkundige als andere ingenieurs. EOC heeft een eigen rompdesign ontwikkeld, OPTI®, voor drijvende olie- en gasproductieplatformen in diep water zoals de Golf van Mexico. Met de levering van vier OPTI®-productiefaciliteiten op basis van het OPTI®-design is EOC een erkende en gerenommeerde aanbieder van kostenefficiënte en op maat gebouwde projectoplossingen in dit domein.
DV Offshore is een gespecialiseerde dienstverlener, die sinds 1999 deel uitmaakt van de groep EXMAR en op contractbasis engineering, audits en technische bijstand levert aan olie- en gasbedrijven voor drijvende terminals, offshore aanmeerinstallaties en onderzeese pijpleidingen.
De implementatie van drijvende olie- en gasinfrastructuur vraagt specifieke inspanningen en tijd voor de ontwikkeling van het project. Elk project heeft zijn eigen infrastructuurbehoeften voor de verwerking van het product, het aanmeren, de opslag en de vergunningen.


De intern beschikbare expertise op het vlak van behandeling en opslag van olie en gas en wat betreft engineering van aanmeer- en andere maritieme infrastructuur, vormt samen met de competenties op operationeel vlak en op het vlak van onderhoud, de unieke toegevoegde waarde die EXMAR zijn klanten in dit opzicht biedt.
EXMAR neemt alle aspecten van de ontwikkeling voor zijn rekening, van de haalbaarheidsstudies tot de uitvoering, het bouwen, leasen, installeren, testen en een totaalaanbod van exploitatie- en onderhoudsdiensten. Het biedt de klant de zekerheid en het comfort van een snelle, kostenefficiënte en weinig risicovolle oplossing voor zijn project.
De business unit Infrastructure heeft nu kantoren en vertegenwoordigers in Antwerpen, Houston, Singapore, Parijs, Shanghai, Luanda, Pointe Noire, Nigeria en Livorno.
Naast zijn kernactiviteiten heeft EXMAR ook zakelijke belangen in diverse ondernemingen in de domeinen van het scheepsbeheer, de gespecialiseerde reizen en componenten voor de maritieme en de offshore sector.
EXMAR Shipmanagement BV is gespecialiseerd in op expertise gebaseerde nichesegmenten zoals het beheer van drijvende infrastructuur voor opslag, hervergassing en liquefactie, VLGCs, MGCs, Pressurized schepen en offshore accommodatieplatformen.
Het in Antwerpen gevestigde TRAVEL PLUS is gespecialiseerd in zaken- en recreatiereizen.
EXMAR Yachting is een full-service specialist in luxejachten, gevestigd in België, die uitgebreide diensten aanbiedt op het gebied van yaghtbeheer, chartering, bemanning en makelaardij.
BEXCO is een toonaangevende Europese fabrikant van nauwkeurig ontworpen synthetische meertouwen, sleeptouwen en hijstouwen voor offshore, hernieuwbare energie, maritieme en industriële toepassingen.

EXMAR Shipping is een toonaangevende scheepseigenaar in het transport van vloeibare gasproducten (LPG, watervrije ammoniak en petrochemische gassen). Als vooraanstaande midsize LPG-exploitant haalt EXMAR voordeel uit langetermijncontracten met eersteklas klanten.
| PROPORTIONELE CONSOLIDATIE (IN MILJOEN USD) | ||||
|---|---|---|---|---|
| 2021 | 2020 | |||
| Opbrengsten | 137.7 | 134.8 | ||
| EBITDA | 65.1 | 68.1 | ||
| Gecorrigeerde EBITDA | 65.1 | 68.1 | ||
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 26.9 | -7.8 | ||
| Geconsolideerd resultaat ná belastingen | 10.7 | -26.2 | ||
| Schepen (in eigendom en geleased) | 570.7 | 475.6 | ||
| Financiële schulden | 469.8 | 389.3 |
In 2021 bleef de wereldwijde COVID-pandemie de economische activiteiten wereldwijd verstoren, met verstrekkende gevolgen voor verschillende scheepvaartsegmenten. Door de grote vraag van de consumenten en de congestie van het vervoer over zee en over land bereikten de containeren lijnvaartmarkten ongekend hoge tarieven, terwijl de tankermarkten te kampen hadden met een verminderde vraag en lage tarieven. Droge bulkgoederen en vooral kleinere schepen profiteerden van de hausse op de containermarkt, aangezien importeurs, exporteurs en handelaars op zoek waren naar een alternatief vrachtvervoer over zee.
Op de gasmarkten waren de tarieven voor het verschepen van LNG uitzonderlijk hoog als gevolg van een combinatie van geopolitieke spanningen en lage opslagniveaus. De LPG-markt, vooral het grotere VLGC-segment, was zeer volatiel en het jaar begon met recordvrachttarieven. Er volgden enkele maanden waarin de tarieven daalden tot dicht bij het OPEX(kosten)-niveau, waarna ze zich tegen het eind van het jaar weer herstelden. De tarieven voor zowel middelgrote als kleinere LPG-schepen, die het merendeel van de EXMAR-vloot uitmaken, bleven het hele jaar door stabiel.
De regelgevers bleven focussen op de decarbonisatie van de scheepvaart. Vanaf 2023 zal de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) nieuwe regels toepassen om de uitstoot van broeikasgassen door de scheepvaart te verminderen. De Europese Unie (EU) werkt eveneens aan nieuwe regelgeving die van toepassing zal zijn op schepen die zowel binnen Europa als van en naar Europa varen. Deze regels zullen naar verwachting ingaan op 1 januari 2023 en zullen nieuwere vaartuigen bevoordelen en investeringen in nieuwe, koolstofarme en koolstofvrije brandstoffen stimuleren. De wetgeving zal ook van invloed zijn op de verlaging van de vaarsnelheid.
In 2021 bedroegen de LPG-volumes over zee 111,5 miljoen metrieke ton, tegenover 107 miljoen metrieke ton in 2020. De VS bleven de grootste exporteur van LPG, terwijl Azië en vooral China de grootste importeur was. De exportvolumes van de VS bedroegen in totaal ongeveer drie miljoen ton meer dan in 2020, zodat in 2021 een exportvolume van 49 miljoen ton werd bereikt. De prognose voor de LPG-export van de VS voor 2022 is een verder stijging naar 51,3 miljoen ton. Dit is echter een veel minder uitgesproken groei van de uitvoer uit de VS dan in voorgaande jaren.


De export uit het Midden-Oosten steeg van 35,2 miljoen ton in 2020 tot 36,2 miljoen ton en zal naar verwachting verder stijgen tot 40 miljoen ton, voornamelijk vanuit Saudi-Arabië en Koeweit, aangezien de OPEC productiebeperkingen voor ruwe olie tegen het derde kwartaal van 2022 geleidelijk zal opheffen.
De groeiende vraag naar nieuwe installaties voor propaandehydrogenatie (PDH) zal de invoer van propaan naar verwachting verder ondersteunen, met meer dan zeven miljoen metrieke ton in 2022 en 2023. Aangezien de VS de grootste exporteur blijft en China de grootste importeur, zal de overeenkomstige toename van het aantal tonmijlen de benutting van de schepen ten goede komen.
Op de ammoniakmarkten is de vraag in 2021 met 2,3 miljoen ton gestegen tot een totaal verscheept volume van ongeveer 18 miljoen ton, na een daling van de volumes in 2020 ten gevolge van COVID-19.
De belangrijkste exportgebieden zijn Trinidad, de Zwarte Zee en het Midden-Oosten. Ongeveer 30% van de midsize gastankers is actief in de ammoniakhandel, een belangrijke stimulans voor dit segment.
In de volgende jaren worden belangrijke nieuwe toepassingen voor ammoniak ontwikkeld als toekomstige alternatieve, koolstofvrije bunkerbrandstof, naast methanol en als waterstofdrager.

Qatar VAE Saoedi-Arabië Koeweit Iran Andere Bron: Poten & Partners

MMt/jaar
18 20

2021 was een volatiel jaar, met VLGC-vrachtmarkten die in de loop van het jaar zowel extreme pieken als dalen kenden, wat een impact had op de gemiddelde tarieven. De uitvoer van de VS naar Azië bleef de vraag in tonmijlen verhogen en dit lijkt de trend voor de toekomst te worden.
Aanzienlijke vertragingen als gevolg van congestie in het Panamakanaal zorgden voor een krapte op de markt en dreven de tarieven op voor VLGC's met LPG-ladingen op weg naar de Aziatische havens. De Panama Canal Authority voerde een boekingssysteem in dat een negatieve invloed had op de doorvoer van gastankers, met wachttijden die konden oplopen tot twee weken. Bovendien veroorzaakte de impact van de pandemie op de havenactiviteiten ernstige vertragingen, vooral in het Verre Oosten, waar veel havens gedurende bepaalde perioden werden stilgelegd.
Aan de aanbodzijde werden in 2021 wereldwijd 21 nieuw gebouwde VLGC's opgeleverd, wat de totale bestaande vloot op 339 eenheden brengt. Tegen 2024 worden er nog eens 78 verwacht, voor een totaal van 417 VLGC's. De overgrote meerderheid van deze nieuwbouwschepen vaart op LPG en is klaar voor de nieuwe IMO-emissienormen die in 2023 van kracht worden. Deze groei van de vloot is nodig om de huidige economische groei in Azië te ondersteunen. Met 13 PDH-fabrieken die naar verwachting vanaf 2022 in bedrijf zullen komen, zal China in de komende jaren nog tot 7 miljoen ton LPG extra importeren. Afhankelijk van wanneer deze PDHfabrieken operationeel zullen worden, wordt verwacht dat China in totaal niet minder dan 27 miljoen ton LPG zal importeren.
In juni en september van 2021 nam EXMAR twee op LPG varende VLGC-nieuwbouwschepen van 88.000 m3 in ontvangst, de FLANDERS INNOVATION en de FLANDERS PIONEER. Beide schepen opereren onder een langlopende charterovereenkomst met Equinor ASA (Noorwegen). Dit waren 's werelds eerste VLGC's met dual fuel motoren die LPG als hoofdbrandstof kunnen gebruiken, wat de uitstoot beduidend verlaagt – een illustratie van het innovatievermogen van EXMAR. Sindsdien is de wereldvloot gevolgd, zodat meer dan 70 bijkomende VLGC's met LPG als brandstof in bestelling zijn en men kan zeggen dat LPG de standaard bunkerbrandstof voor de toekomstige VLGC-vaart aan het worden is.

De gezamelijk gecontroleerde BW TOKYO presteerde in 2021 goed, vooral dankzij een voltijds chartercontract met de grote LPG-trader Trafigura. Aan het eind van het jaar trad het schip toe tot de BW VLGC-vloot op basis van een systeem met inkomstendeling.

ONTWIKKELING VLGC-VLOOTAANBOD

De vraagtrends op de LPG-markt hadden in 2021 een gunstig effect op het midsize-segment. De vooruitzichten voor toekomstige vrachten zien er eveneens positief uit. De VS blijven de belangrijkste exporteur en hebben de afgelopen jaren een stijging van de MGCexport met bijna 15% op jaarbasis gekend. Aangezien de export uit de VS meestal langere trajecten betreft, ook voor midsize, wordt de benutting van de schepen er aanzienlijk door ondersteund.
De MGC-vloot groeit fors, met een verwachte toename in de periode 2022-2024 met 36 schepen of ongeveer 30% van de totale huidige vloot, naar een totaal van 138 schepen tegen 2024. Hoewel de wereldwijde MGCvloot een historisch hoogtepunt heeft bereikt, zal de overeenkomstige capaciteitsgroei naar verwachting tegemoetkomen aan de toenemende behoeften aan LPG-vervoer. Deze zal hoofdzakelijk afkomstig zijn van de VS, de Golf en het Midden-Oosten, in combinatie met een geleidelijke groei van de volumes ammoniak op de lange vaart. De meeste nieuwbouw MGC's hebben een dual fuel LPG-aandrijving.


EXMAR, dat een 50/50 joint venture heeft met Seapeak (voorheen gekend als Teekay LNG Parners) voor de midsize-vloot, blijft voortbouwen op zijn bestaande trouwe klantenbasis, met verlengingen van bestaande tijdbevrachtingscontracten op lonende niveaus. Begin 2022 is 79% van de Midsize-vloot van EXMAR reeds aan deze klanten toegewezen.
In 2021 vervoerde 33% van de midsize-vloot van EXMAR ammoniak en 67% LPG. In 2022 zal het aandeel van ammoniak naar verwachting stijgen tot 40%.
De gemiddelde leeftijd van de MGC-vloot is gedaald na de verkoop van de semi-gekoelde gastanker TEMSE (12.000 m3 , gebouwd in 1995) en van de volledig gekoelde tankers TOURAINE (39.000 m3 , gebouwd in 1996) en BRUSSELS (35.000 m3 , gebouwd in 1997).

2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024
Ten westen van Suez zijn de raffinageproducties in 2021 toegenomen, na een sterke daling in 2020 als gevolg van de invloed van de pandemie op de vraag. Dit had op zijn beurt een positief effect op de benutting van de schepen en op de tarieven in het pressurized segment. Kleine volumes die met pressurized schepen worden vervoerd, gaan gepaard met raffinaderij output, zoals blijkt uit de grafiek. De marktniveaus van vóór de pandemie zijn opnieuw bereikt en naar verwachting zal 2022 even goede vooruitzichten bieden.
In Azië motiveerde de toenemende vraag in combinatie met de strenge COVID-19-voorschriften in diverse landen de bevrachters om tijdig scheepscapaciteit te boeken.
Een spotreis van Zuid-China naar de Filipijnen, zoals rechts afgebeeld, weerspiegelt de verbeterde tarieven die de eigenaars in 2021 ten goede kwamen. Ook hier hebben hoge bunkerprijzen de opbrengsten enigszins getemperd.


E.A Gibson


Een zeer beperkt orderboek, met slechts 16 bestelde schepen in de categorie 3.500-8.000 m3 voor een vloot van meer dan 500 eenheden die wereldwijd op de pressurized markt actief is, ondersteunt marktvooruitzichten op lange termijn.
Een belangrijke vraag bij elke beslissing over nieuwbouw in deze scheepsklasse is welk type voortstuwing men moet kiezen. Dual fuel motoren zijn voor pressurized schepen nog niet zo courant als in andere, grotere LPG-segmenten, vanwege de relatief hogere bouwkosten en de onzekerheid over de toekomstige emissieregelgeving voor dit kleinere segment.
EXMARs pressurized vloot van 10 schepen bleef werken voor gevestigde industriële en langetermijnpartners, zowel in Noordwest-Europa als in Azië. De dekking met tijdbevrachtingscontracten voor 2022 bedraagt nu al 76%, een verbetering ten opzichte van vorig jaar.




KAPRIJKE joint venture

joint venture SOMBEKE joint venture
WEPION joint venture
VLGC
time chartered FLANDERS PIONEER eigen bezit
FLANDERS INNOVATION eigen bezit
EXMAR heeft momenteel één LNG-tanker in zijn vloot, de EXCALIBUR (gebouwd in 2002), in joint venture met Seapeak. De tanker bleef onder zijn langlopende tijdsbevrachtingsovereenkomst ingezet tot eind december 2021, toen het schip werd teruggeleverd. Verschillende opties worden onderzocht als een FSU/ FSRU of voor een standaard tijdsbevrachting.
Eind 2021 stonden de spot- en tijdbevrachtingsmarkten op historisch hoge niveaus, dankzij een omvangrijke LNG-import in China en Japan. De spotprijzen voor LNG-tankers met stoomturbine bereikten in het laatste kwartaal opbrengsten tot meer dan USD 100.000 per dag, gevolgd door een neerwaartse correctie. Verwacht wordt dat 2022 een actief jaar zal blijven voor moderne grote LNG-tankers, weliswaar met meer bescheiden vrachttarieven.


EXMAR Infrastructure levert innovatieve drijvende infrastructuuroplossingen voor de olie- en gasindustrie, waarbij het zowel zijn bestaande assets gebruikt als nieuwe assets ontwikkelt voor nearshore en offshore productie, opslag en andere bijkomende diensten.
| PROPORTIONELE CONSOLIDATIE (IN MILJOEN USD) | ||||
|---|---|---|---|---|
| 2021 | 2020 | |||
| Opbrengsten | 92,8 | 213,3 | ||
| EBITDA | 54,4 | 161,0 | ||
| Gecorrigeerde EBITDA | -2,4 | 11,8 | ||
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 17,1 | 135,8 | ||
| Geconsolideerd resultaat ná belastingen | -8,7 | 98,0 | ||
| Schepen (in eigendom en geleased) | 409,1 | 443,1 | ||
| Financiële schulden | 204,8 | 224,9 |
In 2020 werden de commerciële activiteiten van het EXMAR Infrastructure segment getroffen door het gecombineerde effect van de COVID-19-pandemie en de crash van de olie- en gasprijzen. De tewerkstelling van de TANGO FLNG in Bahia Blanca, Argentinië, was stopgezet en het uitstel van investeringsbeslissingen in olie- en gasprojecten hadden de zakelijke vooruitzichten en doelstellingen belemmerd.

Begin 2021 verbeterde het marktklimaat. De olie- en gasprijzen keerden terug naar rendabelere niveaus, zodat de energieproducenten en infrastructuurleveranciers over de hele wereld opnieuw belangstelling kregen voor de TANGO FLNG, die onmiddellijk beschikbaar was als snelle en kostenefficiënte oplossing voor de export van LNG.
Na de beëindiging van het LNG-exportproject van YPF in Argentinië in 2020, heeft EXMAR in 2021 de schikkingsvergoedingen van YPF ontvangen, volledig in lijn met de overeenkomst die in 2020 werd gesloten.
De TANGO FLNG bleef veilig aangemeerd in Nueva Palmira, Uruguay. Het platform wordt gepromoot als een snel inzetbare oplossing voor de ontwikkeling van de LNG-export en er worden aanhoudende inspanningen geleverd om het platform opnieuw tewerk te stellen. Intussen houdt het boord- en walpersoneel het platform stand-by en worden de systemen voor het beheer van de operaties en het onderhoud voortdurend verbeterd.
Vloeibaar aardgas (LNG) is al tientallen jaren een goedkope en veilige methode om grote hoeveelheden energie over lange afstanden te vervoeren en na hervergassing te gebruiken als brandstof voor elektriciteitsopwekking, de industrie en residentieel gebruik. Verwacht wordt dat de toekomstige groei in Azië de LNG-import zal stimuleren ter vervanging van afnemend binnenlands gasaanbod en de omschakeling van kolen op gas voor de energievoorziening.
De huidige vooruitzichten, het herstel van de gasprijzen in 2021 tot een rendabeler niveau op lange termijn en de noodzaak om de energievoorziening koolstofarm te maken, stimuleren een hernieuwde belangstelling van de markt voor TANGO FLNG. Hierdoor bevindt TANGO FLNG, een bewezen, snel beschikbare en kostenefficiënte oplossing voor het vloeibaar maken van LNG, zich in een uitstekende positie om de export van LNG uit beschikbare exploiratie- en productielocaties te versnellen.
Verschillende partijen, waaronder leveranciers van energie-infrastructuur en exploratie- en productiebedrijven, zien opportuniteiten waarin de TANGO FLNG de behoefte aan omvangrijke en dure terminalinfrastructuur op het land overbodig maakt, het implementatieschema en het technische risico tijdens de projectontwikkeling drastisch vermindert en de klant zich toelaat te focussen op de aanvoer van het aardgas en de verhandeling/commercialisering van de LNG-molecule.
Met de steun van zijn filialen EXMAR Offshore Houston en DV Offshore, is EXMAR Infrastructure erin geslaagd om verschillende dossiers met een zeer concrete business case en vooruitzichten naar de fase van de commerciële onderhandelingen en vergunningen te doen evolueren. De besprekingen tijdens deze fase moeten leiden tot een evenwichtige verdeling van de verantwoordelijkheden tussen de samenwerkende partijen, zodat EXMAR Infrastructure zich kan focussen op de installatie van de drijvende terminal en zijn exploitatie en onderhoud. Dit omvat investeringen in de afmeerinfrastructuur, installatie en inbedrijfstelling inclusief de aanverwante engineering en projectuitvoering.
Bron: Shell LNG Outlook (2022)

Na de gedeeltelijke definitieve uitspraak in april 2021 in de arbitrage die GUNVOR in september 2019 had aangespannen in verband met de charterovereenkomst van de FSRU S188, die GUNVOR's verzoek tot declaratoire uitspraak verwierp, ontving EXMAR een kennisgeving van vervroegde beëindiging van de charterovereenkomst ontvangen. EXMAR ontving aansluitend een vergoeding voor vroegtijdige beëindiging van USD 56,8 miljoen in april 2021.
Het platform werd eind juni commercieel beschikbaar en wordt voorlopig op zijn oplegplaats in Singapore gehouden.
FSRU S188 kan als LNG-importterminal concurreren met de op schepen gebaseerde FSRU's, die ruimschoots op de markt beschikbaar zijn.
Bijkomend is de FSRU S188 van bijzonder nut voor niche-specifieke LNG-invoertoepassingen op kleinere, ondiepe locaties waarbij wordt gestreefd naar een snelle vervanging van steenkool of zware stookolie door aardgas als een schonere en veel flexibelere energiebron voor elektriciteitsproductiefaciliteiten.
Op 18 maart 2022 bereikte EXMAR een overeenkomst met GASUNIE LNG Holdings BV voor een vijf-jarige bevrachting van de FSRU S188. Gezien de huidige geopolitieke ontwikkelingen in Europa en de toenemende nadruk die regeringen leggen op de zekerheid van de energievoorziening, is het de bedoeling om

het hervergassingsplatform in te zetten als drijvende LNG-importterminal in Eemshaven in Groningen, Nederland.
Naast de inzet van TANGO FLNG en FSRU S188 bestudeert het infrastructure-team een aantal nieuwbouwmogelijkheden voor drijvende LNGinfrastructuur die zich in verschillende stadia van ontwikkeling bevinden. Het team biedt kant-en-klare projecten en investeringen, een totaalpakket met een uitgebreide reeks operationele en onderhoudsdiensten, inclusief bemanning, maritiem en HSEQ-beheer, certificeringen en classificatie goedkeuring.
Ondanks de moeilijke werkomstandigheden als gevolg van de pandemie hebben de accommodatieplatformen NUNCE en WARIBOKO hun reputatie van dienstverlening van hoge kwaliteit eer aangedaan bij hun klanten in de West-Afrikaanse offshore regio. NUNCE heeft zijn reputatie van 100% uptime bevestigd en blijft tot juni 2022 bij Sonangol onder contract. WARIBOKO hervatte van februari 2021 tot eind juli zijn tewerkstelling in Nigeria. Er wordt nu naar nieuwe tewerkstelling gezocht voor het platform.
Verwacht wordt dat de huidige olie- en gasprijzen een positief effect zullen hebben op de ontwikkeling van exploratie- en productieprojecten en de behoefte aan drijvende accommodatie- en werkplatformen. De vraag naar bevoorradingsschepen voor offshore installaties en platformen lijkt sterker te worden in West-Afrika, en de crash van de olie- en gasprijzen in 2020 heeft verscheidene leveranciers van werkloze en ondermaatse accommodatieplatformen uit de markt gedreven. In deze context worden marketinginspanningen geleverd op de West-Afrikaanse olie- en gasmarkt, met bemoedigende vooruitzichten.
w
w
EXMAR Offshore Company (EOC) bereikte in hetzelfde jaar twee mijlpalen in haar geschiedenis, met de levering van de derde op het OPTI®-design gebaseerde drijvende olieproductiefaciliteit en een contract voor een vierde OPTI®-ontwerp.
Het derde op het OPTI®-design gebaseerde halfafzinkbare productieplatform werd afgeleverd aan zijn eigenaars, Murphy Oil Corporation, voor mobilisatie, installatie en gebruik in het project King's Quay in de Golf van Mexico. Murphy Oil, een van de vijf grootste producenten in de Golf van Mexico, is ook de eigenaar van de zeer succesvolle productiefaciliteit DELTA HOUSE.
Het voorbereidende engineeringwerk voor een vierde op OPTI® gebaseerde rompdesign voor een drijvend productiesysteem heeft zijn vruchten afgeworpen en resulteerde in de toekenning van de engineering door Hyundai Heavy Industries in Zuid-Korea van de romp van een productieplatform, bestemd voor het project Shenandoah van Beacon Offshore Energy in de Golf van Mexico. Het Shenandoah productieplatform zal een grotere payload hebben dan het King's Quay productieplatform.
De engineeringcapaciteit van EOC zal de komende twee
project, de voorbereidende engineering voor nieuwe klanten voor het OPTI®-rompdesign en engineeringondersteuning voor het commerciële team van EXMAR Infrastructure.
EOC wil zijn positie op de markt handhaven en verbeteren door te blijven streven naar goed presterende, herinzetbare en dus duurzame nieuwbouwdesigns, en door deze expertise uit te breiden tot de ombouw van bestaande eenheden en offshore alternatieven voor hernieuwbare energie.
DV Offshore (DVO) heeft zich duidelijk hersteld van de terugval van projecten in 2020 als gevolg van de pandemie. In 2021 kon het personeel volledig ingezet worden op projecten en kende DVO een piekomzet. In combinatie met een strikte kostenbeheersing heeft de onderneming met succes het tij gekeerd, met het beste resultaat sinds verscheidene jaren. Het is nu de bedoeling om olie- en gasbedrijven en leveranciers van hernieuwbare energie te blijven helpen met de ontwikkeling en installatie van conventionele afmeer- en andere toepassingen, drijvende terminals en onderzeese pijpleidingen, met een duurzame en milieuvriendelijke aanpak.

ENGINEERING
EXMAR Ship Management (ESM) levert kwaliteitsvolle diensten voor scheepsbeheer en aanverwante diensten op LPG-tankers, bulktankers, FLNG-platformen, FSRU's, FSU's, FSO-eenheden en accommodatieplatformen. In het voorbije decennium is EXMAR Ship Management uitgegroeid van een interne leverancier van diensten voor scheepsbeheer tot een gereputeerde leverancier van Operations and Maintenance (O&M) diensten in nichesegmenten van de olie- en gasindustrie.
| PROPORTIONELE CONSOLIDATIE (IN MILJOEN USD) | ||||
|---|---|---|---|---|
| 2021 | 2020 | |||
| Opbrengsten | 26,5 | 46,8 | ||
| EBITDA | -6,0 | 10,8 | ||
| Gecorrigeerde EBITDA | -6,5 | -2,2 | ||
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | -7,0 | 9,7 | ||
| Geconsolideerd resultaat ná belastingen | 9,7 | 20,1 | ||
| Financiële schulden | 2,3 | 4,7 |
De aanhoudende pandemie maakt de logistieke keten tussen schepen en de wal steeds uitdagender en complexer. Dankzij het grote professionalisme van de ESM-bemanningen aan boord, ondersteund door zeer toegewijd walpersoneel, kon de vloot in 2021 met succes operationeel blijven, konden bemanningen worden vervangen, scheepsvoorraden en reserveonderdelen geleverd en inspecties en droogdokken uitgevoerd voor de eigenaars.
Misschien wel het mooiste voorbeeld van de samenwerking tussen schip en wal dit jaar was de succesvolle oplevering en de inbedrijfstelling en het beheer van de twee EXMAR VLGC-nieuwbouwschepen FLANDERS INNOVATION en FLANDERS PIONEER.
Beide schepen behoren tot de eerste van de wereldvloot van VLGC's die zowel op gewone bunkerbrandstof als op LPG kunnen varen. EXMAR Ship Management is hiermee een voorloper in de exploitatie van dual fuel schepen, de nieuwe industrienorm voor dit segment.
In 2021 werden met succes droogdokoperaties uitgevoerd voor 6 midsize schepen en 1 pressurized schip. Daarnaast voerden de supervisieteams in samenwerking met de afdeling HSEQ en de officieren en bemanningen classificatieaudits uit op alle schepen. De audits worden de jongste tijd ofwel op afstand uitgevoerd, met live verbindingen tussen schip en wal, ofwel met toepassing van zeer strenge toegangsprocedures, om de beperkingen te omzeilen die in verschillende delen van de wereld wegens de pandemie worden opgelegd.

EXMAR Ship Management blijft voor zijn klanten ook conversieoperaties en overslagoperaties tussen schepen uitvoeren. In 2021 voerde EXMAR 247 operaties uit, goed voor de overslag van ongeveer 1,2 miljoen metrieke ton.
In het kader van het beheer van de gemiddelde leeftijd van de EXMAR-vloot, superviseerde en beheerde ESM de overdracht van de TEMSE, TOURAINE en BRUSSELS aan hun nieuwe eigenaars. Het verleende dezelfde diensten aan Trafigura, een klant van ESM, dat drie van zijn gastankers verkocht.
In het offshore segment blijven de teams van ESM aan wal en op locatie de twee drijvende LNG-platformen TANGO FLNG en FSRU S188 in respectievelijk Uruguay en Singapore onderhouden en beheren.
ESM leverde bemanningen en exploitatie- en onderhoudsdiensten voor de accommodatieplatformen NUNCE en WARIBOKO in de Golf van Guinea; het contract van de WARIBOKO eindigde medio 2021. TOTAL heeft het exploitatie- en onderhoudscontract met ESM voor de FPSO Nkossa 2 verlengd.
EXMAR Shipmanagement BV zal zijn moedermaatschappij EXMAR blijven ondersteunen voor de operationele en onderhoudsbehoeften van haar divisies Shipping en Infrastructure. Het zal streven naar de uitbreiding van haar beheerde vloot met een eersteklas portfolio van scheepeigenaars, die kunnen profiteren van de ervaring en de operationele uitmuntendheid van de scheepsbemanningen en het walpersoneel.
Het segment ship management is zeer competitief en de noodzakelijke schaalvoordelen hebben de laatste jaren de grote ondernemingen begunstigd.
Toch zullen nieuwe milieuwetgevingen en een sectorbrede drang naar meer ecologische, sociale en governanceprogramma's (ESG) in het vlootbeheer de eigenaars en scheepsbeheerders verplichten om nog nauwer en transparanter samen te werken.
Dit biedt potentieel voordelen voor zeer gespecialiseerde scheepsbeheerders van hoge kwaliteit, zodat de ambitie om meer activiteiten van derden aan te trekken haalbaar zou moeten zijn.
In het kader van de voortzetting van zijn bedrijfstransformatie zal ESM zich in 2022 toespitsen op de beheersing van het werk en op doelstellingen die kwantificeerbaar zijn, worden gemonitord en zo nodig op kwartaalbasis worden bijgesteld.
ESM blijft zich houden aan de in het project moving ahead in harmony geformuleerde algemene ambities.
BEXCO is een toonaangevende Europese fabrikant van nauwkeurig ontworpen synthetische meertouwen, sleeptouwen en hijstouwen voor offshore, maritieme en industriële toepassingen.
De onderneming boekte in 2021 een recordresultaat, dankzij een sterke vraag in de maritieme en offshore segmenten, met inhaalorders van de in 2020 wegens de uitbraak van de pandemie veel zwakkere markt. Ondanks de aanhoudende uitdagingen van de pandemie werd de productiecapaciteit in 2021 minder getroffen dan het jaar voordien.
De projecten voor diepwatertouw voor Shell UK (Shell Penguin) en Sofec (ENI Coral South) werden met succes opgeleverd en ook het aanmeerpakket voor het project Chevron Anchor werd voltooid. BEXCO is in het derde kwartaal begonnen met de productie voor het project Shell Whale, voor oplevering in 2022.
De vraag naar de hoogwaardige afmeerproducten voor de scheepvaart van BEXCO bleef sterk, met leveringen aan de CMA-CGM serie van LNG-aangedreven ultragrote nieuwbouw containerschepen.
De businessunit offshore operations presteerde eveneens sterk, met uitstekende orders van Bexco's trouwe klantenbasis in Europa voor haar innovatieve hijsstroppen voor de installatie van offshore windparken.
De samenwerking met General Work Products in de VS draait op volle toeren en andere initiatieven om de geografische reikwijdte van de activiteiten uit te breiden zijn in de maak.
De intrede van BEXCO op de markt van de drijvende offshore windparken kreeg vaart met de bestelling en productie van een touwpakket voor het drijvende windpark Demosath in Spanje. De onderneming ontving op de World Expo in Dubai de Corporate Blue Innovation Wave Award van de Blue Clusterorganisatie voor Manta-Line, haar oplossing voor ankertouwen voor drijvende windinstallaties.
De onderneming investeerde ook in zonnepanelen op het dak van haar belangrijkste productiefaciliteit in Hamme, als onderdeel van haar toenemende aandacht voor duurzame energie.
BEXCO blijft investeren in O&O om zich voor te bereiden op de energietransitie en de opkomst van drijvende windenergie als een incrementele activiteit.


TRAVEL PLUS is een onafhankelijk reisbureau dat zowel zakelijke als recreatieklanten gepersonaliseerde diensten aanbiedt. De kracht van het bureau ligt in de ontwikkeling van reisroutes op maat en een uitzonderlijke klantendienst.
De aanhoudende pandemie had in 2021 een ongunstige invloed op de boekingen in zowel het recreatie- als het zakensegment. Het bedrijf voorziet ook in de reisbehoeften van de bemanningen van de Groep, die bijzondere inspanningen vereisen om de routes aan te passen aan de veranderende plaatselijke quarantaine- en inklaringsvoorschriften.
Ondanks de recente pandemiegolven bevestigen de boekingsaanvragen voor 2022 het reisenthousiasme van de trouwe vrijetijdsklanten van TRAVEL PLUS in België. De hogere vaccinatiegraad zal de COVIDpieken steeds meer afvlakken en de reislust keert terug, ook in het zakensegment.
EXMAR Yachting beheert een vloot van luxevaartuigen en helpt zowel ervaren als beginnende eigenaren met de refit, het onderhoud en de chartering van hun luxejachten. In 2021 heeft het team van uiterst professionele kapiteins, technische opzichters, bemanningsmanagers en operationeel personeel de eigenaars ondersteuning geboden met inspecties in situ als voorbereiding op het droogdok en met het preventieve onderhoud en administratieve beheer van hun waardevolle activa, ondanks verstoringen van de routes en de operaties wegens de pandemie.
De gezondheidscrisis had wel gevolgen voor de pleziervaart, maar het team van Yachting kon de charterroutes aanpassen en de klanten luxe alternatieven voorstellen.
De vaarplannen werden aangepast en er werden alternatieve oplossingen gevonden voor de quarantaine-eisen en de bemanningswissels.

3.1 ESG 44
Binnen EXMAR blijven wij onze inspanningen voor de Environmental Social and Governance (ESG) principes opdrijven en pleiten wij in al onze activiteiten voor zorg voor vandaag en respect voor morgen.
Nu de samenleving als geheel, de regelgevende instanties en de financiële sector steeds meer en strengere eisen stellen, is de ontwikkeling van een ESG-profiel een constant en continu proces.
EXMAR heeft een multidisciplinair ESG-taskforce opgericht, samengesteld uit leden van zowel het management als uit operationele, technische en corporate profielen, om het ESG-profiel van onze onderneming te actualiseren en haar basisprincipes hoog te houden. Dit overkoepelende team stimuleert innovatie in alle operationele aspecten.
De ESG-taskforce geeft advies bij nieuwe projecten, monitort lopende projecten, volgt wijzigingen in de regelgeving op en legt ESG-doelstellingen voor de onderneming als geheel vast. Noodzakelijke veranderingen worden door de taskforce op alle niveaus van het bedrijf gecommuniceerd en de prestatie-indicatoren worden over de verschillende bedrijfslagen gemonitord. Bovendien is de taskforce een actief lid van verschillende werkgroepen in de sector.

| ESG partner | Input | ||
|---|---|---|---|
| EXMAR Raad van Bestuur | • Strategische ESG-doelstellingen communiceren in zijn interactie met de aandeelhouders • Voorleggen jaarlijks financieel verslag aan de Algemene Vergadering • Strategie en waarden van EXMAR handhaven in de duurzame waardecreatie • Dealing Code & Gedragscode herzien • Bepalen van de bedrijfsstrategie • Opstellen Corporate Governance Charter (inbegrepen de Dealing Code en Gedragscode) en Corporate Governance Verklaring • Persberichten voorbereiden met betrekking tot gereguleerde informatie |
• Doelstellingen en belangen communiceren aan de aandeelhouders • Naleving van wetten en regelgeving • Opstellen van het financieel jaarverslag |
|
| Uitvoerend Comité | • Dagelijks bestuur en beleid van de Groep • Implementatie van door de RvB genomen besluiten • Interne controles invoeren • Voorbereiding jaarrekeningen • Voorstellen doen aan de RvB in verband met strategie • Voorbereiden persberichten |
• Opstellen van het jaarlijkse financieel verslag • Veranderingen in bedrijfsstrategie voorstellen |
|
| EXMAR | • Input geven op het jaarlijks financieel verslag • Naleven van ESG-doelstellingen in de zakelijke interacties • Rapporteren over ESG KPI's |
• Compliance Model en Manual, risicobeoordeling • Zorgen voor naleving van het Corporate Governance Charter binnen de vennootschap |
|
| ESM-managementcomité | • Jaarlijkse doelstellingen & ESM ondernemingsbeleid onderschrijven • Beoordeling kwartaalresultaten • Naleven van ESG-doelstellingen in de zakelijke interacties |
• Zorgen voor naleving van het Corporate Governance Charter binnen de vennootschap • Opvolgen van de regelgeving • ESG-vragenlijsten invullen • Advies geven over de jaarlijkse objectieven |
|
| EXMAR Ship Management | • Driemaandelijkse prestatiebeoordeling • Verslag over de KPI's voor ESG • Opstellen van jaarlijkse doelstellingen • Opstellen beleid en procedures • Opvolgen van de regelgeving • Rapportage volgens de wetgeving |
• Herzien van beleid en procedures • Opvolgen van de regelgeving • ESG-vragenlijsten invullen • Advies geven over de jaarlijkse objectieven |
|
| Ondersteunende diensten & engineering |
• Beleid en procedures implementeren • Naleven van ESG-doelstellingen in de zakelijke interacties • De KPI's voor ESG rapporteren |
• Zorgen voor naleving van het Corporate Governance Charter binnen de vennootschap |
EXMAR is een multidisciplinaire leverancier van maritieme en offshore-oplossingen in de olie- en gasindustrie. Wij ontwerpen oplossingen op maat voor de productie, de opslag, het vervoer en de levering van olie en gas wereldwijd. Tal van stakeholders zijn betrokken bij de bedrijfsstructuur van EXMAR.

Onze stakeholders worden voortdurend in kaart gebracht en hun noden en verwachtingen worden geëvalueerd om de communicatiestrategie te bevestigen teneinde een optimale business-interactie te garanderen. EXMAR heeft de volgende interactieve communicatie met zijn stakeholders opgezet:
| Stakeholder | Interactie met EXMAR | Eigenaar van de interactie |
Frequentie |
|---|---|---|---|
| Business Financiële instellingen Regelgevende instanties |
• Contractuele Overeenkomsten • Compliance Model & bedrijfsethiek • Jaarlijks financieel verslag & persberichten |
• Hoofdkantoor EXMAR |
• Ad hoc follow-up • Ad hoc persberichten • Jaarlijks financieel verslag |
| • Vergaderingen & contactgroepen • Uitvoering van de regelgeving • Inspecties en onderzoeken • Certificering • Lidmaatschappen • ISO-normen en TMSA |
• EXMAR Ship Management • Wah Kwong Ship Management |
• Ad hoc implementatie van wijzigingen • Ad hoc onderzoeken • Jaarlijkse interne audits • Jaarlijkse externe audits • Jaarlijks financieel verslag • Sectorwerkgroepen op uitnodiging |
|
| Klanten | • Contractuele Overeenkomsten • Compliance Model & bedrijfsethiek • Jaarlijks financieel verslag & persberichten |
• Hoofdkantoor EXMAR |
• Ad hoc opvolging van contractuele overeenkomsten • Ad hoc implementatie van instructies • Maandelijkse vergadering met eigenaars • 3-maandelijkse/jaarlijkse vergadering met bevrachters |
| • Inspecties & onderzoeken van incidenten • Rapportage over KPI's • Implementeren van contractuele overeenkomsten en opvolging van wetgeving |
• EXMAR Ship Management • Wah Kwong Ship Management |
• Verspreiden van interne bulletins om de standaard in de vloot te verhogen • Ad hoc onderzoeken van incidenten • Maandelijkse vergadering met eigenaars • Driemaandelijkse prestatiebeoordeling • Jaarlijks financieel verslag • 3-maandelijkse externe audits (vetting) |
| Stakeholder | Interactie met EXMAR | Eigenaar van de interactie |
Frequentie |
|---|---|---|---|
| Human Relations | • Human Relations-procedures • Arbeidsovereenkomsten voor kantoorpersoneel • Prestatie-evaluatie en gedragscode voor kantoorpersoneel • Jaarverslag & persberichten EXMAR |
• Hoofdkantoor EXMAR |
• Ad hoc implementatie van wijzigingen • Driemaandelijkse prestatie-evaluatie van het kantoorpersoneel • Ad hoc persberichten • Jaarlijks financieel verslag • Jaarlijkse conferentie |
| • Cao's en arbeidsovereenkomsten voor zeevarenden • Prestatie-evaluatie en gedragscode voor zeevarenden • Procedures SMS Crewing Manual • Veiligheids- en gezondheidscampagnes en welzijn • Bemanningsconferenties • MTI-netwerk |
• EXMAR Ship Management • Wah Kwong Ship Management |
• Ad hoc implementatie van wijzigingen • Prestatie-evaluatie in de helft en aan het eind van het contract • Jaarlijkse SMS-evaluatie • 2-maandelijkse campagnes • Wekelijkse bulletins • Driemaandelijkse bemanningsconferenties |
|
| Logistieke keten Bemanning & ontwikkeling |
• Rapportagelijnen en contactpunten • Dealing Code & cyberveiligheid • Procedures en beleid |
• Hoofdkantoor EXMAR |
• Regelmatige projectvergaderingen • Ad hoc implementatie van wijzigingen |
| Techniek & onderhoud | • Contracten • Conferenties • Evaluatie en audit • SMS-instructies en -procedures • Opleidingsmatrix • Vergaderingen • Veiligheidsfunctionaris droogdok |
• EXMAR Ship Management • Wah Kwong Ship Management |
• Maandelijkse aankoopvergaderingen • Goedkeuring, evaluatie en audit van leveranciers • Audits van scheepswerven • Jaarlijkse interne audits • Ad hoc implementatie van wijzigingen |
Elke stakeholder heeft zijn eigen behoeften en verwachtingen in de interactie met EXMAR. Deze worden opgevolgd en vertaald in de ESG-doelstellingen van EXMAR voor de toekomst. EXMAR neemt voor zijn stakeholders waardevolle ESG-factoren op in zijn prioriteiten terwijl het tegelijkertijd de kernwaarden van EXMAR als onderneming beschermt en garandeert.
De volgende ESG-bedrijfsprincipes zijn verankerd in onze organisatie:
diversiteit en inclusie, actieve betrokkenheid van belanghebbenden en betrokkenheid van de lokale gemeenschappen en regio's.
EXMAR heeft gekozen voor de structuur van de Duurzame Ontwikkelingsdoelen van de VN om haar bedrijfsprioriteiten in specifieke ESG-doelstellingen te vertalen.
De 17 DOD's, die de Verenigde Naties hebben bepaald, zijn een gezamenlijke blauwdruk voor vrede en welvaart. Ze biedeneen universeel kader voor de sturing van mondiale acties, die gaan van internationale samenwerking en nationaal overheidsbeleid tot ondernemingsstrategieën en individueel gedrag, met het oog op een inclusieve sociaaleconomische groei en bescherming van de planeet.
EXMAR heeft een materialiteitsanalyse uitgevoerd, waarbij de ESG-factoren die zijn stakeholders belangrijk vinden, werden afgewogen tegenover hun (potentiële) impact op de onderneming. De ESGfactoren in de rubriek 'Zeer hoog' werden gedefiniëerd als de ESG-doelstellingen van EXMAR en geklasseerd volgens de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen (DOD's) van de VN.
De bedrijfsambities zijn gebouwd op deze ESGdoelstellingen.

Impact op EXMAR

In een veranderende wereld met een steeds duidelijkere impact van klimaatverandering is de sector in zijn geheel, met inbegrip van EXMAR, blootgesteld aan risico's. Om zijn toekomstvisie goed af te stemmen, heeft EXMAR de potentiële impact van de risico's van de klimaatverandering en bijbehorende due diligence-maatregelen zorgvuldig geanalyseerd en doelstellingen voor risicobeperking vastgelegd. We hebben belangrijke opportuniteiten geïdentificeerd die in de toekomstvisie van het bedrijf worden opgenomen. Het is niet verrassend dat de ESG-factoren in de rubriek "Zeer hoog" van de materialiteitsanalyse terugkomen in deze risicoanalyse aangezien zij een uiting zijn van de verschuivende focus in de samenleving en dus ook binnen de sector.
Transitiebrandstoffen: LPG en LNG Koolstofvrije brandstof: ammoniak Koolstofafvang en -transport voor opslag
Natuurlijke hulpbronnen
Meer ongunstige weersverschijnselen Pandemieën Politieke wijzigingen Ongevallen/incidenten Evolutie fossiele brandstofsector Beschikbaarheid van nieuwe technologieën

| Type | Risico | Due Diligence | Ambitie | Tijdskader | |
|---|---|---|---|---|---|
| Klimaat impact |
Emissies | Bijdragen aan de klimaat verandering |
Verhoging van de energie efficiëntie door ISO 50001 certifiëring te onderschrijven en scheepsoperaties te optimaliseren (SEEMP & energiehandboek in SMS), MARPOL Bijlage VI (VOS/ ODS) naleven, de emissies van logistieke luchtvrachten evalueren teneinde het vervoer te optimaliseren, reisbeleid voor vliegreizen van personeel, verbod op de verbranding van plasticafval door de vloot, opleiding van het personeel in energie-efficiëntie, de emissies van de vloot in kaart brengen op een digitaal platform, wettelijk verplichte rapportering van emissies volgens EU MRV, UK MRV en IMO DCS |
Verhoging van de energie-efficiëntie (en dus minimalisering van het brandstofverbruik) door een efficiënt scheepsontwerp (EEDI), Decarbonisatie: Minstens • de gemiddelde CO2 -uitstoot voor vervoerswerkzaamheden met 40% verminderen tegen 2030 • de gemiddelde CO2 -uitstoot voor vervoerswerkzaamheden met 70% verminderen tegen 2050 • de totale jaarlijkse broeikasgasemissies van het bedrijf met ten minste 50% verminderen tegen 2050 (referentiejaar 2008) • ernaar streven de IMO-doelstellingen te overtreffen teneinde toekomstige doelstellingen voor de scheepvaart onder de EU Green Deal te halen • implementeren van de EEXI-norm voor bestaande vaartuigen en opvolgen van de CII overeenkomstig de (toekomstige) regelgeving Versnellen van de digitalisering en de prestatiemonitoring, om de scheepsprestaties grondiger te analyseren en verbeterpunten te ontdekken; stroomlijnen van de integratie van digitale |
Korte termijn Middel lange termijn (<2030) Lange termijn (<2050) Lange termijn (<2050) Lange termijn (<2050) Korte termijn (2023) Korte termijn (2022) |
| platformen doorheen de onderneming; uitbreiden van automatische monitoring en uitwisseling van sensordata De Scope 2 & 3 broeikasgasemissies van het bedrijf in kaart brengen om verbeterpunten te bepalen |
Korte termijn (2023) |
||||
| Afval | • Leven in het water • Bodem aantasting degradation • Reputatie schade |
Implementatie van een verbod op wegwerpplastic in de toeleve ringsketen, naleving van MAR POL Bijlage V, offerteaanvragen aan leveranciers bevatten eisen van ISO 14001 inzake het gebruik van verpakkingen, verbod op verbranding van plasticafval door de vloot om recyclage mogelijk te maken, inventaris van gevaarlijke materialen (EU SRR), opvolgen van het afval van de vloot in een digitaal platform |
Invoering van een systeem van drinkwa terfonteinen op de schepen als vervan ging voor flessenwater Vermindering van de productie van plasticafval met 10% ten opzichte van 2020 Implementeren van een door de vlag genstaat goedgekeurde elektronische afvalregistratie |
Korte termijn (2022) Korte termijn (2023) Korte termijn (2022) |
| Type | Risico | Due Diligence | Ambitie | Tijdskader | |
|---|---|---|---|---|---|
| Klimaat impact |
Effluenten | • Leven in het water • Invasieve soorten • Inbreuk op de regelgeving • Reputatie schade |
Naleving van MARPOL Bijlage I, SOPEP-SMPEP & NTVRP, Afvalwa terzuiveringsinstallaties, Gebruik van reinigingsmiddelen en additie ven die niet schadelijk zijn voor het mariene milieu, eigen eisen van de onderneming met betrekking tot het beheer van effluenten (riool water, grijs water, lenswater, afval water van scrubbers, dekwaswater, ballastwater, afval van biofouling en sedimenten, enz.) beschreven in het milieuhandboek in het SMS, BWMP voor alle vaartuigen van de vloot, regelmatige inspecties en reiniging van de rompen en schroeven, opleiding van het per soneel, nauwlettend opvolgen van wijzigingen in de regelgeving om de naleving te garanderen, opvolging van de effluenten van de vloot op een digitaal platform |
Meer inspanningen leveren om verbete ringen die verder gaan dan de regelgeving in de vloot te implementeren (bijvoorbeeld schoonmaakproducten in tabletvorm) Een beheerplan voor biofouling in de vloot implementeren Systemen voor de behandeling van ballastwater aan boord van alle schepen in de vloot implementeren Een door de vlaggenstaat goedgekeurde elektronische registratie van ballastwater, ozonafbrekende stoffen, NOx en gaswaswa ter implementeren |
Korte termijn (2022) Korte termijn (2023) Korte termijn (2024) Korte termijn (2022) |
| Natuurlijke hulp bronnen |
Natuurlijke hulpbronnen uitputten |
Verhoging van de energie efficiëntie door ISO 50001 certifiëring te onderschrijven en de scheepsope raties te optimaliseren (SEEMP & energiehandboek in SMS),ISO 14001 en milieuhandboek in SMS, het gebruik van papier/hardware ver minderen door meer digitalisering, programma voor coaching van het team in de kombuis om het verbruik te optimaliseren en afval te vermin deren, nauwlettende monitoring van wijzigingen in de regelgeving om de naleving te verzekeren, het brandstofverbruik van de vloot volgen op een digitaal platform |
Verhogen van de energie-efficiëntie (en dus minimaliseren van het brandstof verbruik) door middel van een efficiënt scheepsontwerp (EEDI) Monitoren van innovaties in de scheep vaartindustrie om de inspanningen voor duurzaamheid te vergroten De samenwerking met lokale industrieën en via de mondiale toeleveringsketen bevor deren om de overgang naar een circulaire economie te stimuleren Bijdragen aan de beschikbaarheid van be taalbare energie via marktconcurrentie |
Korte termijn Korte termijn Lange termijn (<2050) Korte termijn |
|
| Fysiek risico |
Slecht weer | • Veiligheid van leven • Vertragingen • Schade • Verhoogd verbruik van de vloot |
Software voor de optimalisatie van de routes (SPOS9) geïnstalleerd en verplicht via SMS, routering van de schepen gecontroleerd door hoofd kwartier, certifiëring van vaste projectendoor classificatiebureaus volgens de strengste milieuvoor waarden op de gekozen locatie om de veiligheid van de eenheid en bescherming van het milieu te waarborgen |
De integratie van digitale platformen in de volledige onderneming stroomlijnen |
Korte termijn (2022) |
| Pandemieën | • Beschik baarheid van bemanningen • Welzijn en gezondheid van de be manningen • Naleving van de contract duur |
De COVID-19 pandemie wordt permanent gevolgd en de dagelijks opgedane ervaring wordt gebruikt om ons bedrijfsbeheer tijdens de pandemie te verbeteren |
Verhogen van de COVID-19-vaccinatiegraad van het personeel Een draaiboek voor de respons op een pandemie ontwikkelen |
Korte termijn (2022) Middellange termijn (<2030) |
| Type | Risico | Due Diligence | Ambitie | Tijdskader | |
|---|---|---|---|---|---|
| Over gangs risico |
Politiek - veiligheid van de scheep vaart / sancties |
• Aanvallen • Schade, slachtoffers • Reputatie schade |
Nauwlettend monitoren van de eisen van de vlaggestaat en de veiligheid van de scheepvaart we reldwijd, scheepsveiligheidsplan nen en scheepsveiligheidsofficier, veiligheidsofficier van de onder neming, informatie inwinnen bij gezaghebbende en/of sectoror ganisaties en bij gespecialiseerde consultants, Code van Bedrijf sethiek (geen handel met gesanc tioneerde landen en beletten van corruptie) Mensenrechten en nultolerantie op discriminatie hoog houden via Code van Bedrijfsethiek en stan daard contracten van werknemers Cyber-risicobeheer via procedures en draaiboek in geval van bedrei gingen Navolging van regelgeving |
Evaluatie van zakelijke kansen in ontwikkelingslanden om de energie transitie en de lokale ontwikkeling te ondersteunen |
Middel lange termijn (<2030) |
| Juridisch – ongevallen / incidenten |
• Verlies van klanten • Reputatie schade • Ontbreken van een regelgevend kader voor nieuwe tech nologieën |
Veiligheidsbeheersysteem, Veiligheidscampagnes, Nauwlettende opvolging van wijzigingen in de regelgeving, Opleiding en aanwerving van gekwalificeerd personeel volgens vaste matrices, Pleiten voor en deelnemen aan werkgroepen met sectororgani saties om duidelijke regelgevin gen voor nieuwe technologieën op te stellen |
Ongevallen en incidenten in de mate van het mogelijke tot een minimum beperken Het menselijke element van TMSA toe passen om de veiligheid te vergroten |
Korte termijn (2022) Korte termijn (2022- 2023) |
|
| Markt | • Verminde ring van de beschik baarheid van fossiele brandstoffen • De toename van energie efficiënte schepen (EEXI/EEDI) op de markt zal de vraag naar minder efficiënte (oudere) schepen vermindere |
Monitoring van de marktontwik keling: verwachte toename van handel in LNG/LPG als overgangs brandstof in de decarbonisatie |
Investeren in onderzoek naar het vervoer van ammoniak en CO2 zodra overgangs brandstoffen niet langer gewenst zouden zijn in het kader van de decarbonisatie Deelnemen in onderzoek en ontwikkeling naar transport van herniewbare energie (hydrogen, e-ammoniak, e-LNG of LOHCs) Investeren in toekomstbestendige schepen die op duurzame brandstof varen |
Middel lange termijn (<2030) Middel lange termijn (<2030) Lange termijn (<2050) |
| Type | Risico | Due Diligence | Ambitie | Tijdskader | |
|---|---|---|---|---|---|
| Over gangs risico |
Techno logie |
• Beschik baarheid van technologie ter onder steuning van de decarbo nisatie • Veiligheid van nieuwe technologie |
Nauwlettende monitoring van wijzigingen in de regelgeving om de naleving en veiligheid van nieuwe systemen te verzekeren Nauwe interactie met langetermijn leveranciers en makers om nieuwe technologieën te evalueren |
Nauwlettende monitoring van wijzigingen in de regelgeving en technologische ont wikkelingen om die oplossing te kiezen met het grootste potentieel voor vermindering van de koolstofemissie op de weg naar de decarbonisatie Nauw samenwerken met fabrikanten van uitrusting (motorfabrikanten/proces ontwerp) voor vaartuigen op alternatieve brandstoffen |
Middel lange termijn (<2030) Middel lange termijn (<2030) |
| Reputatie • Onderneming gebaseerd naar de decarbonisatie op fossiele brandstof sector |
Investeren in alternatieve brandstof fen en nieuwe technologieën op weg |
Het belang benadrukken van het LPG-vrachtvervoer voor secundaire mark ten (ondersteuning van de petrochemische en meststoffenmarkten) en als bijdrage aan de decarbonisatie Investeren in onderzoek en ontwikkeling voor ammoniak en waterstof (of andere alternatieve brandstoffen) en afgevangen |
Middel lange termijn (<2030) Lange termijn (<2050) |
||
| CO2 om de kloof voor het transport van deze producten te dichten De samenwerking met lokale industrieën en de mondiale toeleveringsketen bevor deren om de overgang naar een circulaire economie te stimuleren |
Lange termijn (<2050) |

De strategie om de samenleving en de scheepvaart koolstofvrij te maken, is duidelijk vastgelegd in het regelgevende kader dat zowel op Europees als mondiaal niveau is ingevoerd.
De EU Green Deal, die streeft naar een vermindering van de CO2 -uitstoot van het vervoer (inclusief scheepvaart) met 55% tegen 2030 en klimaatneutraliteit tegen 2050 ten opzichte van de niveaus gemeten in 1990, werd in 2021 verder uitgewerkt door de Europese Commissie:
Op wereldniveau stelt de IMO normen vast om de koolstofintensiteit van de internationale scheepvaart tegen 2030 met gemiddeld ten minste 40% te verminderen en de CO2 -uitstoot per vervoersprestatie tegen 2050 met 70% te verminderen (met 2008 als basis) en te blijven streven naar een volledige eliminatie van de CO2 -uitstoot.

Deze onderwerpen worden verder toegelicht in het hoofdstuk 'Innovatie' van dit ESG-verslag.
De EU-taxonomieverordening is een classificatiesysteem voor duurzame economische activiteiten. Ze verschaft ondernemingen, investeerders en beleidsmakers passende definities van welke economische activiteiten als ecologisch duurzaam kunnen worden beschouwd en kunnen helpen om de klimaat- en energiedoelstellingen van de EU voor 2030 en de doelstellingen van de Europese Green Deal te bereiken.
De taxonomieverordening bepaalt zes milieudoelstellingen:
In het kader van de doelstelling mitigatie van de klimaatverandering beschrijft de Taxonomieverordening drie types activiteiten :
Op 2 februari 2022 heeft de Commissie de zgn. Taxonomy Complementary Climate Delegated Act ("Climate Delegated Act") voorgesteld die, onder strenge voorwaarden, specifieke gas- en nucleaire activiteiten opneemt in de lijst van economische activiteiten van de EU taxonomie. Deze activiteiten worden opgenomen in het tweede type activiteiten, dus de overgangsactiviteiten. Dit zijn activiteiten die nog niet kunnen worden vervangen door technologisch en economisch haalbare koolstofarme alternatieven, maar die wel bijdragen aan de beperking van de klimaatverandering en die een belangrijke rol kunnen spelen in de transitie naar een klimaatneutrale economie. Zodra deze bijkomende Climate Delegated Act goedgekeurd is, zullen de activiteiten van EXMAR verder worden geanalyseerd.
EXMAR is meer dan een rederij. Het is een van de hoofdrolspelers in de sector van de maritieme en offshore diensten. Naast ons transport van LNG en LPG, die in de EU-taxonomie als overgangsbrandstoffen worden beschouwd, ontwikkelen wij duurzame oplossingen voor de energietransitie. Deze projecten worden verder beschreven in het hoofdstuk 'Innovatie' van dit verslag.
Om te beoordelen of ze in aanmerking komen, worden de huidige, in de Climate Delegated Act beschreven, activiteiten geanalyseerd en vergeleken met de economische activiteiten die EXMAR uitvoert.
Twee workshops werden georganiseerd:
De workshops hebben de volgende beoordeling van de activiteiten van EXMAR onder de EU-taxonomie opgeleverd:
De activiteiten van het segment Shipping, en van de ship management- en yachting-diensten werden beoordeeld als in aanmerking komend in lijn met Bijlage I van de Climate Delegated Act. Andere activiteiten werden als niet in aanmerking komend beoordeeld omdat ze niet volledig overeenstemmen met de beschrijving van de activiteiten in de Climate Delegated Act, of omdat het voor de groep meer beperkte activiteiten betreft die niet beduidend genoeg zijn om onder de EU-taxonomie te worden gerapporteerd.
De KPI's zijn opgesteld op basis van de vereisten onder de Climate Delegated Act rapportage van 6 juli 2021:
EXMAR stelt zijn jaarrekening op volgens de door de Europese Unie goedgekeurde International Financial Reporting Standards (IFRS). De hierna vermelde berekende KPI's zijn gebaseerd op de definitie van de Taxonomieverordening van de EU. De kwalitatieve informatie wordt verstrekt om de lezer duidelijkheid te verschaffen over wat wel of niet in de KPI's opgenomen is, vergeleken met de financiële informatie volgens de IFRS.
| Business Unit Beschrijving van de activiteit |
Rubriek van de gedelegeerde handeling, Bijlage 1 |
Beslissing over het in aanmerking komen |
||
|---|---|---|---|---|
| Shipping | Vloot voor het transport van LNG & LPG |
6.10: Goederenvervoer via de zee- en kustvaart, vaartuigen voor havenactiviteiten en ondersteunende activiteiten. |
Ja | |
| Infrastructure | Exploitatie van FSRU en FLNG-eenheden en accommodatieplatformen Ondersteunende diensten & engineering (DVO/EOC) |
4.3: Elektriciteitsopwekking uit windenergie - bouw of uitbating van installaties voor elektriciteitsopwekking die elektriciteit uit windenergie produceren |
Nee (de uitbating van eenheden en accommodatieplatformen is geen activiteit die in aanmerking komt + het gedeelte van de ondersteunende diensten & engineering dat in aanmerking zou kunnen komen in verband met offshore wind wordt als onbeduidend beschouwd) |
|
| Diensten | EXMAR Ship Management (België, India, Singapore en Seavie Caribbean) EXMAR Yachting |
6.10: Goederenvervoer via de zee- en kustvaart, vaartuigen voor havenactiviteiten en ondersteunende activiteiten. 6.11: Personenvervoer via de zee- en kustvaart |
Ja (het gedeelte diensten door TRAVEL PLUS & BEXCO komt niet in aanmerking) |
| Shipping | Infrastructure | Diensten | |||
|---|---|---|---|---|---|
| 100% in aanmerking komend | 0% in aanmerking komend | 84% in aanmerking komend |
Wij verwijzen naar Toelichting 4 bij de jaarrekening voor het detail van de omzet, die zowel IFRS 15 Opbrengsten uit contracten met klanten als IFRS 16 Leaseovereenkomsten omvat.
| Shipping | Infrastructure | Diensten |
|---|---|---|
| 99% in aanmerking komend | 0% in aanmerking komend | 30% in aanmerking komend |
De kapitaaluitgaven bestaan voornamelijk uit de verwerving van schepen (IAS 16) en in mindere mate de verwerving van andere materiële vaste activa (IAS 16), activa met gebruiksrecht (IFRS 16) en geactiveerde immateriële vaste activa (IAS 38). Voor meer informatie verwijzen wij naar Toelichtingen 10 tot 13 bij de jaarrekening van het jaarverslag.
| Shipping | Infrastructure | Diensten | |
|---|---|---|---|
| 100% in aanmerking komend | 0% in aanmerking komend | 19% in aanmerking komend |
Onze operationele uitgaven bestaan uit de volgende grote categorieën van uitgaven:
Voor meer informatie verwijzen wij naar Toelichtingen 5, 6 en 7 bij de jaarrekening van het jaarverslag. Niet al onze operationele uitgaven voldoen aan de definities van de KPI's voor Opex in de Taxonomieverordening. Wij hebben daarom enkel de uitgaven voor de bemanningen en onderhoud van schepen opgenomen. Alle andere elementen zoals verzekeringen, afschrijvingen en waardeverminderingen, algemene en administratieve uitgaven etc. werden uitgesloten.
Het ESG-verslag 2021 evalueert de vorderingen van de voorbije jaren en belicht de belangrijkste tendensen. De statistieken van EXMAR Shipping hebben betrekking op onze vrachtschepen die worden beheerd door EXMAR Ship Management en door Wah Kwong Ship Management. Waar relevant en aangegeven, omvatten de statistieken de ESG-overwegingen voor de businessunit Infrastructure en dus ook onze gespecialiseerde eenheden en accommodatieplatformen.
In zijn streven naar duurzaamheid heeft EXMAR de relevante Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de VN (DOD) 13 en 14 met betrekking tot het MILIEU geïdentificeerd waaraan wij bijdragen.
• SDG 13 – Klimaatactie
Wij leveren aanzienlijke inspanningen om onze vloot energie-efficiënter te maken door het brandstofverbruik te optimaliseren en de uitstoot van broeikasgassen te verminderen op weg naar de decarbonisatie. Dit is in de geest

| EXMAR SHIPPING & INFRASTRUCTURE (UITGEZONDERD ENGINEERING DVO&EOC) | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Meting/materialiteit | Eenheid | 2021 | 2020 | 2019 | Doel | Opmerking |
| Afgelegde afstand | NM | 1.925.558 | 1.969.529 | 2.001.766 | N.v.t. | |
| Werkdagen | Aantal | 11.623 | 12.215 | 12.004 | N.v.t. | |
| Vloot | Dwt | 850.035 | 843.435 | 843.435 | N.v.t. | Toename als gevolg van geleverde VLGC's vs verkochte MGC's |
| Aantal schepen | Aantal | 37 | 38 | 38 | N.v.t. | Toevoeging van VLGC's, verkoop van MGC's |
| Vervoerd LPG | Metrieke ton | 6.233.054 | 6.312.798 | 5.979.598 | N.v.t. | |
| Vervoerde ammoniak | Metrieke ton | 1.618.772 | 1.914.128 | 2.217.337 | N.v.t. | |
| Vervoerd LNG | Metrieke ton | 502.243 | 232.863 | 332.589 | N.v.t. | |
| Petrochemische gassen | Metrieke ton | 341.804 | 353.520 | 368.362 | N.v.t. | |
| Aantal havenaanlopen | Aantal | 1.609 | 1.935 | 1.944 | N.v.t. | |
| CO2 door per vloot (Scope 1-basis: door de vloot verbruikte brandstof, exclusief kantoren)1 |
Metrieke ton | 591.735 | 593.038 | 603.689 | Nog niet van toepassing onder huidige regelgeving |
Vermindering als gevolg van het vertrek van oudere schepen en grotere efficiëntie van VLGC-ontwerp |
| Brandstofverbruik | Metrieke ton | 191.632 | 193.902 | 197.219 | Optimaliseren | Daling door vermindering in vlootsamenstelling |
| Verbruikte energie | Gigajoule | 7.811.895 | 8.121.591 | 8.183.859 | Optimaliseren | Daling door vermindering in vlootsamenstelling |
| waarvan HFO | Gigajoule | 5.321.024 | 4.247.253 | 4.871.628 | Optimaliseren | HFO omvat LSFO |
| waarvan MGO/MDO | Gigajoule | 1.395.108 | 1.889.966 | 1.489.181 | Optimaliseren | |
| waarvan LDO | Gigajoule | 980 | 3.238 | 128 | Optimaliseren | |
| waarvan LNG2 | Gigajoule | 1.058.702 | 1.981.135 | 1.822.922 | Optimaliseren | Vermindering door stop TFLNG |
| waarvan LPG | Gigajoule | 36.082 | 0 | 0 | Optimaliseren | Oplevering Flanders-schepen |
| overboord (Aantal / M3 ) |
0 | 0 | 0 | 0 | ||
| Olielekken | binnen boord (Aantal / M3 ) |
1 incident 0,3 m3 |
2 incidenten 0,6 m3 |
3 incidenten 1,1 m3 |
0 | |
| EXMAR SHIPPING (EXCL. INFRASTRUCTURE) | ||||||
| AER < vereist3 | % | -27 | -30 | -30 | Naleven van de regelgeving |
Strengere streefwaarde |
| EEDI < vereist4 | % | -17,5 | -15 | -15 | Naleven van de regelgeving |
Toename door oplevering Flanders-schepen 2021 |
| AER vloot totaal5 | g/ton nautische mijl |
12.48 | 11.59 | 11.83 | <40% (2030) | Toename omdat CII nog niet in voege is |
| NOx | 11.096 | 12.622 | 13.141 | N.v.t. | Kleinere vlootomvang | |
| SOx | 996 | 1.060 | 6.770 | N.v.t. | IMO-verordening 2020 (beperking zwavelgehalte van stookolie) verklaart significante vermindering vanaf 01/01/2020 |
|
| Fijnstof | 779 | 925 | 1.023 | N.v.t. | Kleinere vlootomvang | |
| Behandeling van | Uitwisseling % | 36 | 50 | 55 | 0% | Meer schepen uitgerust met een systeem voor de behandeling van ballastwater |
| ballastwater | Behandeling % | 74 | 50 | 45 | 100% | |
| Aan land gebracht plasticafval |
M3 | 922 | 447 | geen ge gevens voor |
-10% (ref. gegevens |
Stijging als gevolg van het verbod op verbranding aan boord |
1 Scope 1-emissies volgens het Greenhouse Gas Protocol
2 Excalibur en TFLNG alleen voor de relevantie van de gegevensevolutie; zonder LNGRV-vloot in 2019
3 Verschil tussen de gemiddelde AER (jaarlijkse efficiëntieratio) van de vloot en de streefwaarden van de Poseidon Principles voor het jaar (ref. DNV) in %
4 Verschil tussen de gemiddelde EEDI van nieuwe schepen in vloot en de door de regelgeving vereiste EEDI voor nieuwbouw (van toepassing op schepen gebouwd >2013) in %
Cat A alleen
2020)
5 Som van de de individuele AER van alle schepen in de vloot gewogen naargelang hun draagvermogen
van DOD 13 om klimaatverandering tegen te gaan en ligt in lijn met de inspanningen om de scheepvaart koolstofvrij te maken.
Onze operaties volgen DOD 14 door rekening te houden met de bescherming en het duurzame gebruik van de oceanen en hun hulpbronnen. Dat doen ze ook door de internationale maritieme wetgeving na te leven en goede gebruiken toe te passen (correct beheer van water en afval, indamming van olielekken, controle van effluenten). Bovendien rust EXMAR zijn schepen momenteel uit met drinkwaterfonteinen die het gebruik van flessenwater voor consumptie zullen vervangen (plasticafval). De verschillende andere due diligences die EXMAR reeds heeft ingevoerd en zijn ambities voor de toekomst werden in de bovenstaande hoofdstukken uitvoerig beschreven.
EXMAR Ship Management steunt duurzaamheidsinitiatieven en is lid van het Environmental Committee van Intertanko. We nemen vrijwillig deel aan het Environmental Ship Index-systeem (ESI), dat op basis van uitstootgegevens van de schepen elk schip een ESI-score toekent.
In 2022 zullen op alle schepen van de EXMAR-vloot systemen voor drinkwaterproductie worden geïnstalleerd. De eenheden voor de productie van zoet water via omgekeerde osmose (die de hoogste graad van veiligheid garandeert), worden momenteel getest op twee van onze schepen en zullen het flessenwater op de gehele vloot vervangen.
De inventaris van gevaarlijke materialen aan boord van onze schepen werd verder geoptimaliseerd door de invoering van een digitaal IHM-onderhoudssysteem waarmee alle nieuwe materialen die aan boord worden geïnstalleerd zorgvuldig worden beoordeeld op hun gevaar voor zowel de gezondheid als het milieu. Dit zorgt ervoor dat, wanneer een vaartuig moet worden gerecycleerd, alle potentiële gezondheidsrisico's voor de bemanning en werfpersoneel en alle potentiële gevaren voor het milieu vooraf kunnen worden beoordeeld en veilig kunnen worden beheerd.
EXMAR Ship Management voldoet niet alleen aan de regelgeving, maar heeft ook een milieubeheersysteem ingevoerd dat gecertificeerd is volgens ISO 14001. Het milieuhandboek, dat deel uitmaakt van het veiligheidsbeheersysteem van de onderneming (SMS), stelt onze normen vast voor het lenswaterbeheer in de machinekamer, het beheer van riool- en grijs water, operationeel afval, vuilnis en emissies.
Om de energie-efficiëntie te monitoren, beschikt EXMAR Ship Management over een energiebeheersysteem met ISO 50001-certificering, waarvan het Ship Energy Efficiency Management Plan (SEEMP) Part I het kerndocument is. Dit plan wordt gebruikt om de prestaties van het schip te controleren en te optimaliseren door het brandstofverbruik per zeemijl (FOC/nm) te monitoren. Naast de vertrek- en aankomsttijden van de schepen, die door de bevrachters worden bepaald, zijn er diverse maatregelen voor de verbetering van de efficiëntie die met het brandstofverbruik per zeemijl kunnen worden gemeten. Ze variëren van de optimalisatie van de trim tot de weersroutering, de optimalisatie van de snelheid, de coating van de romp, de schoonmaak van de romp/schroef, de monitoring van de prestaties van de motoren en het beheer van de elektriciteit. Het verband tussen brandstofverbruik en luchtemissies verklaart waarom EXMAR zoveel aandacht besteedt aan het verhogen van de efficiëntie van schepen, zowel tijdens de exploitatie als bij het ontwerp.
EXMAR gebruikt een door de classificatiemaatschappij goedgekeurd dashboardsysteem voor een consistente en nauwkeurige tracering van de prestaties van zijn schepen. De gegevens van dit dashboardsysteem worden zowel door het kantoorpersoneel als door het scheepspersoneel gevolgd en spelen een cruciale rol in de verbetering van het energie-efficiënte beheer van de vloot. Trends kunnen worden geëvalueerd en noodzakelijke acties kunnen worden vastgesteld, bv. vergelijking van zustervaartuigen, identificatie van trends, vaststelling van de noodzaak

van onderhoudsinterventies, aanpassing van motorparameters of reiniging van romp en schroef.
EXMAR werkt actief aan de uitbreiding van monitoringsystemen met online sensors, die de parameters van de aan boord geïnstalleerde apparatuur automatisch in het datadashboardsysteem invoeren. Deze toegenomen digitalisering en directe dataverbinding vermindert de werklast van het boordpersoneel voor het verzamelen van gegevens en maakt het mogelijk de kwaliteit van de gegevens te verbeteren en meer gegevens te analyseren.
Om de menselijke interacties in een ruimer perspectief te plaatsen, heeft EXMAR de relevante Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de VN (DOD's) 3, 4 en 8 met betrekking tot de SOCIALE dimensie geïdentificeerd waaraan wij bijdragen.
De diversiteit en de mogelijkheid om in evenwichtige teams te werken, zowel aan boord van de schepen als aan wal, worden belangrijk geacht. De veiligheidsmentaliteit aan boord is zeer ver ontwikkeld en leidt tot uitstekende veiligheidsprestaties. Dit wordt bereikt door middel van EXMARs langetermijnprogramma Taking the Safety Lead, dat sinds 2014 loopt. Er worden welzijnsprogramma's opgezet om de gezondheid en het welzijn van onze zeevarenden te verbeteren. In de context van de COVID-19-pandemie worden aanzienlijke inspanningen geleverd om tijdige bemanningswissels te verzekeren.
EXMAR werkt actief samen met de Antwerpse Hogere Zeevaartschool en met opleidingscentra in India, Jamaica en de Filipijnen. Zowel de zeevarenden als het kantoorpersoneel volgen doorlopende opleidingsprogramma's die ervoor zorgen dat onze klanten kunnen vertrouwen op onze kwalitatief hoogstaande en veilige diensten.
| EXMAR SHIPPING & INFRASTRUCTURE (UITGEZONDERD ENGINEERING DVO&EOC) | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Meting/materialiteit | Eenheid | 2021 | 2020 | 2019 | Doel | Opmerking | |
| Veiligheid en Gezondheid | |||||||
| Absenteïsme hoofdkwartier | % uren afwezig | 1,79 | 1,40% | 2,40% | <2% | ||
| Officieren (%) | 91,8 % | 92,69 % | 92,25 % | >90 % | |||
| Retentie van werknemers | Matrozen (%) | 80,6 % | 90,84 % | 94,31 % | >85 % | ||
| Kantoor (%) | 83,5 % | 94,78 % | Geen gegevens |
>80 % | Structurele hervorming | ||
| Lost Time Injury Frequency (LTIF)w |
Cijfer | 0,61 | 0,33 | 0,67 | <0,5 | Vermindering van de omvang van de vloot verhoogt de impact van verwondingen op het cijfer |
|
| Total Recordable Cases Frequency (TRCF) |
Cijfer | 2,32 | 1,52 | 1,51 | <2,5 | ||
| Meldingen van bijna-ongevallen | Aantal: | 370 | 318 | Geen gegevens |
>300 | ||
| Ongevallen of defecten (ernst 5) | Aantal | 0 | 1 | 1 | 0 | ||
| Dodelijke slachtoffers | Aantal | 0 | 0 | 0 | 0 | ||
| Achterstallige audits | Navigatie | 1 | 1 | Geen gegevens |
0 | 1 audit uitgesteld door reisrestricties onder COVID-19 |
|
| Intern | 0 | 0 | Geen gegevens |
0 | |||
| Voorwaarden van de klasse | Aantal | 2 | 1 | 2 | N.v.t. |
| Meting/materialiteit | Eenheid | 2021 | 2020 | 2019 | Doel | Opmerking |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Havenstaatcontroles | Aantal | 35 | 41 | 54 | N.v.t. | Vermindering in inspecties door kleinere vloot en COVID-19 |
| Foutloze inspecties | % | 88 | 79 | 74 | 80 | |
| Detenties | Aantal | 0 | 0 | 2 | 0 | |
| Achterstallig onderhoud (niet-kritiek) |
% | 3,02 % | 4,19 % | 3,45 % | <2,5 % | Achterstallig onderhoud op kritieke elementen is niet toegestaan |
| Monetaire verliezen als gevolg van juridische procedures in verband met omkoping en corruptie |
EUR | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| DIVERSITEIT | ||||||
| Personeel | Aantal | 1.849 | 2.094 | 2.416 | N.v.t. | |
| waarvan zeevarenden | Aantal | 1.615 | 1.844 | 2.124 | N.v.t. | |
| Hoofdkwartier (mannen/vrouwen) | Aantal | 83/69 | (87/79) | (101/95) | N.v.t. | |
| Aandeel vrouwen | % | 45 | 48% | 48% | N.v.t. | |
| Nationaliteiten (off/onshore) | Aantal | 43 | 51 | 53 | N.v.t. | Vermindering door vertrek Excelerate Energy vloot |
• SDG 8 – Eerlijk werk en economische groei EXMAR stelt een aanzienlijk aantal zeelieden te werk uit vele verschillende culturen en achtergronden, met een hoge retentiegraad. Mensenrechten en non-discriminatie worden op alle niveaus van de organisatie nageleefd en gewaarborgd. Bovendien heeft EXMAR beleid tegen omkoping en corruptie.
Doorheen 2021 had de COVID-19-pandemie een grote invloed op de werking van EXMAR. Wij geven voorrang aan een correct beheer van onze bemanningen en beschouwen een respectvolle en menselijke behandeling als de cruciale basis van onze organisatie. Aangezien onze werknemers de sleutel zijn tot ons succes, blijft EXMAR een actief lid van Intermanager (International Association of Ship and Crew Managers). EXMAR heeft ook de Neptune Declaration on Seafarer Wellbeing and Crew Change ondertekend (www.globalmaritimeforum.org/neptune-declaration/). Dit is een initiatief van het Global Maritime Forum om de crisis voor de zeevaarders aan te pakken door bemanningswissels en repatriëringen mogelijk te maken die tijdens de pandemie erg problematisch waren. EXMAR meent dat de scheepvaartsector zich kan stabiliseren door de vaccinatie van de zeevarenden. Wij moedigen onze zeelieden aan om zich te laten vaccineren, hetzij in hun eigen land, hetzij door vaccinatie beschikbaar te maken voor alle bemanningsleden in havens waar deze worden aangeboden. In het laatste kwartaal van 2021 zijn we actief begonnen met het promoten van boostervaccines voor onze bemanningen. Eind 2021 was 53% van onze zeevarenden volledig gevaccineerd (inclusief de zeevarenden die met verlof waren) en 73% van de bemanningen effectief aan boord op dat moment.

In deze moeilijke tijden hebben wij geïnvesteerd in een tijdige bemanningswissel (binnen 14 dagen na het einde van het contract) om het welzijn van onze zeevarenden te verbeteren. In 2021 slaagde EXMAR Ship Management erin 84% van zijn bemanning op tijd af te melden.
Met actieve welzijnsprogramma's aan boord van onze schepen en een duidelijk gedefinieerde organisatiestructuur willen wij alle werknemers, op elk niveau, een gevoel van samenhorigheid en motivatie geven. Wij bevorderen gezonde voedingsgewoonten en hebben een campagne voor geestelijke gezondheid opgezet om de gezondheid van onze werknemers te verbeteren. Het hoger management bezoekt regelmatig onze schepen. Toen de pandemie het bezoek aan schepen in bepaalde gebieden (Verre Oosten, Zuid-Amerika en Afrika) moeilijk maakte, werden regelmatig telefoongesprekken gehouden tussen het hoger management en onze schepen. Wij monitoren de werk- en rusttijden en zorgen ervoor dat de regelgeving wordt nageleefd. Bovendien implementeerde EXMAR een "Fatigue Management"- plan dat bemanningsleden methodes geeft om hun vermoeidheid te monitoren en te beheren, met een bewustmaking van het feit dat vermoeidheid ook kan optreden wanneer de reglementaire vereisten worden nageleefd. Door gezonde werkomstandigheden te scheppen, maximaliseren wij de beschikbaarheid van het personeel en houden we de retentiecijfers zo hoog mogelijk.
In de loop van 2020 en 2021 heeft EXMAR samen met de leveranciers van satellietcommunicatie geïnvesteerd in een verdubbeling van de databandbreedte aan boord van zijn schepen, zodat de bemanningen niet alleen efficiënter kunnen werken, maar ook beter met hun dierbaren kunnen communiceren.
Om de gezondheid en het welzijn van alle werknemers van het hoofdkwartier tijdens de pandemie te beschermen, werd het beleid voor de bedrijfscontinuïteit en telewerken doorlopend bijgewerkt, in lijn met de Belgische veiligheids- en gezondheidsregels en de maatregelen en richtlijnen van de Belgische overheid.
Gezondheid en veiligheid zijn nauw met elkaar verbonden. In de afgelopen drie jaar hebben wij onze veiligheidsnormen doorlopend verbeterd en zijn we erin geslaagd de vloot veiliger te maken. EXMAR onderzoekt niet alleen maatregelen voor de preventie van ongevallen met werkverlet maar identificeert ook de grondoorzaken van ongevallen die tot aangepast werk, medische behandeling of eerste hulp leiden, en van ernstige bijna-ongevallen. Vorig jaar hebben wij een aanzienlijke stijging van het aantal meldingen van bijna-ongevallen door onze matrozen vastgesteld, het bewijs van een rijpere veiligheidsmentaliteit in het kader van ons programma Taking the Safety Lead. In 2021 hebben wij een tweemaandelijkse nieuwsbrief, 'Incident Alert Reports', in het leven geroepen, met de lessen die wij trekken uit de meldingen van bijna-ongevallen en de grondoorzaken en onderzoeksresultaten van feitelijke incidenten in de vloot. Voorbeelden van andere initiatieven die in 2021 werden genomen, zijn het uitrollen van Control of Work in onze volledige vloot en een volledige herziening van het veiligheidsen gezondheidshandboek in ons SMS.
Naast ervoor zorgen dat systemen beschikbaar zijn, blijven ook het veiligheidsbesef en de communicatie van cruciaal belang. De in 2019 gestarte tweemaandelijkse veiligheidscampagnes werden voorgezet in 2021 met de volgende campagnes:
EXMAR ontwikkelde een verbeterde methode voor risicobeheer, 'Control of Work', die werd gebaseerd op de veiligheid van offshore processen in 2020. In 2021 werd dit veiligheidsprogramma in het SMS van EXMAR Ship Management geïntegreerd. Belangrijke veranderingen hebben betrekking op de volgende elementen:
In 2021 werd deze 'Control of Work'-procedure in de volledige vloot uitgerold en ze is nu ingebed in onze dagelijkse activiteiten.
EXMAR acht zowel de kwaliteit van de opleidingen als de voortdurende verbetering van zijn werknemers van cruciaal belang voor het leveren van kwaliteitsvolle diensten aan zijn klanten. Daarom besteden wij veel tijd en moeite aan de opleiding van zowel het kantoorpersoneel als de zeevarenden. Vanwege de COVID-19-pandemie werden veel van de opleidingen in 2021 op afstand georganiseerd. De opleiding van het personeel wordt gevolgd aan de hand van vaste opleidingsmatrices die variëren naargelang de rang en de functie van het personeelslid. Ook door het organiseren van conferenties op kwartaalbasis wordt de interactie tussen zeevarenden en kantoorpersoneel verbeterd en worden de laatste veranderingen of verbeteringen binnen het bedrijf actief besproken.
Er bestaat ook een samenwerking van lange duur tussen EXMAR en de Antwerpse Hogere Zeevaartschool, het Caribbean Maritime Training Institute (Jamaica) en het Mapua School and Philcamsat Training Centre (Filipijnen). Zo worden de studenten begeleid bij hun keuze van het onderwerp voor hun masterthesis, zodat theorie en praktijk zoveel mogelijk op elkaar afgestemd zijn.
EXMAR is al vele jaren een mecenas van de VZW Zachte Kracht, een liefdadigheidsinstelling die jongeren met bijzondere behoeften de kans biedt om een zeiltocht van een dag te maken. De organisatie is gevestigd in de Royal Yacht Club in het Belgische Nieuwpoort. EXMAR steunt ook de hockeyclub Gantoise in Gent.
In 2021 heeft EXMAR IT-materieel geschonken aan verschillende liefdadigheidsprojecten, waaronder 30 laptops voor twee scholen in België en 40 laptops samen met smartphones voor twee lokale scholen in Afrika. De non-profitorganisaties die deze donaties in Afrika activeren zijn 'iThemba' voor de basisschool Baraa in Arusha (Tanzania) en 'Les Amis du Cap Skirring ASBL' voor de basisschool Aissatou Diop in Cap Skirring (Senegal). Uiteraard wordt dit IT-materiaal pas verspreid nadat de inhoud is gewist volgens het IT-protocol voor gegevensbeveiliging van het bedrijf.

De mensenrechten en non-discriminatie worden gewaarborgd door gestandaardiseerde arbeidscontracten (collectieve arbeidsovereenkomsten) met zowel de zeevarenden als het kantoorpersoneel. Aan boord en op kantoor implementeert EXMAR een evaluatieproces dat intern wordt gecontroleerd en waarin de werknemers driemaal per jaar of driemaal tijdens hun contractperiode aan boord worden geëvalueerd. Er worden vergaderingen gehouden tussen het afdelingshoofd en de werknemer om te verzekeren dat feedback wordt uitgewisseld en de persoonlijke ontwikkeling geoptimaliseerd wordt. Bezorgdheden of klachten van bemanningsleden of kantoorpersoneel worden vertrouwelijk behandeld in het kader van de klachtenprocedure of het beleid voor klokkenluiders. De agentschappen die bemanningen rekruteren, worden jaarlijks door het hoofdkantoor van EXMAR gecontroleerd via het interne auditsysteem. Corruptie wordt bestreden aan de hand van gestandaardiseerde aankoopstromen die een 3-wegs verificatie door meerdere werknemers vereisen, en ook door standaard aanbestedingsprocedures met een zorgvuldige evaluatie en definitieve selectie van leveranciers voor aanzienlijke investeringen.
EXMAR wijdt veel aandacht aan de evenwichtige samenstelling van de teams op de werkvloer en houdt de diversiteit van de genders en de nationaliteiten in gedachten. Op kantoor werken ongeveer evenveel vrouwen als mannen.
Onder de aanhoudende pandemie blijft het cruciaal dat mensen vlot kunnen thuiswerken en toegang hebben tot alle data, met de mogelijkheid om gemakkelijk webvergaderingen te organiseren zonder de IT-beveiligingsnormen van de onderneming in het gedrang te brengen. De helpdesk van de IT-afdeling van EXMAR geeft continu bijstand aan werknemers die connectiviteitsproblemen ondervinden. Een digitale tool, Webex, wordt gebruikt voor de communicatie met collega's, voor digitale vergaderingen en chatberichten, en verbetert de interne communicatie tussen werknemers.
Daarnaast kon EXMAR in 2021 havenaanlopen in landen met een lage score op de International Corruption Perception Index vermijden door zorgvuldig bevrachtingscontracten te onderhandelen en relevante BIMCO-clausules en/of specifieke anti-omkoping, anti-corruptie, anti-sancties en ethische clausules toe te passen op haar klantenbestand.
Het percentage achterstallige audits bleef laag, rekening houdend met de moeilijke omstandigheden voor de organisatie van audits ten gevolge van de pandemie. Door veel tijd uit te trekken voor de planning en uitvoering van tussentijdse en speciale inspecties op zijn schepen, slaagde EXMAR Ship Management er in het aantal tekortkomingen te beperken, terwijl geen enkel schip na havenstaatcontroles werd vastgehouden. Voor het eerst hebben wij alle externe audits van de kantoren met geen enkele non-conformiteit doorstaan.
EXMAR Ship Management en Wah Kwong Ship Management beschikken over veiligheidsbeheerssystemen. De twee ondernemingen zijn gecertificeerd volgens ISO 9001 (kwaliteit) en ISO 14001 (milieu). Bovendien is EXMAR Ship Management gecertificeerd volgens ISO 50001 (energie-efficiëntie) en ISO 45001 (gezondheid en veiligheid). Het departement HSEQ van EXMAR is doorlopend op zoek naar manieren om de processen te optimaliseren en de veiligheidsprestaties van de onderneming te verbeteren. Het stuurcomité voor de veiligheid vergadert elk kwartaal om de prestaties van de schepen te beoordelen en te bespreken. Daarnaast ontvangt het vloot- en walpersoneel regelmatig veiligheidsbulletins en driemaandelijkse evaluaties van de prestaties..
Voor zijn governance heeft EXMAR relevante Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen (DOD's) 17 van de VN geïdentificeerd.
• SDG 17 – Partnership om doelstellingen te bereiken
Navolging van de wetgeving is een cruciaal onderdeel van EXMARs bedrijfsstrategie en van de werking van de volledige organisatie. EXMAR werkt wereldwijd en valt dus onder veel verschillende en complexe regelgevende systemen.
EXMARs Corporate Governance Charter werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 31 Maart 2010. De laatste herziening van het Corporate Governance Charter, in navolging van het door de Belgische overheid ingevoerde Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV) en de Corporate Governance Code 2020 voor beursgenoteerde multinationale ondernemingen, werd goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 3 December 2020. De laatste update dateert van 3 December 2021. Meer informatie is te vinden in de rubriek INVESTORS van onze website www.exmar.be > Investors.
Om een optimale naleving van de regels en wetten te verzekeren en de mogelijke risico's op inbreuken en hun nadelige gevolgen voor EXMAR en alle stakeholders te beperken, heeft de Raad van Bestuur beslist een Compliance programma voor EXMAR te implementeren. Dit programma werd ontwikkeld in samenwerking met het management en externe adviseurs en is gebaseerd op een internationale standaard, het COSO Framework (Committee of Sponsoring Organizations). Het streeft ernaar een permanente navolging door middel van procedures en structuren te garanderen en een doorlopende verbetering te verzekeren.
Het Compliance programma is opgenomen in het Compliance Model, dat de structuren en procedures beschrijft die wij gebruiken om risico's te detecteren en te evalueren, overtredingen te rapporteren en te bestrijden, de werknemers bewust te maken van het model en hen bijkomende opleiding te bieden. Het Compliance Model omvat een Compliance Risk Universe dat alle juridische, regelgevende en bedrijfsrisico's detailleert. Risicobeoordelingscriteria worden toegepast en Key Risk Officers en een Compliance Officer werden aangesteld. De risico's worden gerapporteerd en zijn opgenomen in een tabel in de rubriek 'Interne controle en risicomanagement beoordeling' in de Corporate Governance Verklaring. Een compliance-opleiding bevordert het begrip en het besef van het Compliance Model bij de bedienden en bemanningen. Als aanvulling van de Dealing Code en de Code van Bedrijfsethiek (bijlage 3 en 4 van het Corporate Governance Charter) is er een compliancehandboek dat de verschillende beleidslijnen van de onderneming duidelijk uiteenzet en implementeert:
EXMAR versterkt zijn focus op de IT-cyberbeveiliging door procedures voor het beheer van het maritieme cyberrisico op te nemen in het veiligheidsbeheerssysteem en door een draaiboek voor inbreuken op cyberbeveiliging in te voeren. In lijn met dit plan werd

in 2021 een beoordeling van de kwetsbaarheid van het bedrijf uitgevoerd. Na deze evaluatie heeft EXMAR, in samenwerking met zijn leveranciers, verbeteringen voor haar beveiliging geïdentificeerd.
In 2021 werd binnen EXMAR een verificatiemethode in twee stappen ingevoerd om de veiligheid van de interacties tussen de platformen te verhogen en mogelijke IT-inbreuken te voorkomen.
Wegens het voorgezette beleid voor thuiswerk als gevolg van de pandemie heeft de IT-afdeling van EXMAR haar gegevensopslagcapaciteit in 2021 uitgebreid, om de werknemers voldoende ruimte te geven om digitale gegevens op te slaan en te delen.
EXMAR werd in 2021 niet geconfronteerd met een grote cyberaanval, maar wel met een aanval in september 2020 waarbij phishingmails werden verspreid onder werknemers en schepen. Deze e-mails werden voor het grootste deel geblokkeerd door onze e-mailbeveiliging en er werden geen verdere bedreigingen waargenomen. Na de aanval is het aantal phishingmails weer op het normale niveau gekomen, waarbij ongeveer 53% van alle e-mails door de bedrijfsfirewall wordt onderschept.
De samenleving dringt sterk aan op een koolstofarme scheepvaart en een verbetering van de bestaande wetgeving hieromtrent. Dit vraagt om een nauwgezette opvolging van toekomstige verordeningen. De onderstaande KPI-tabel geeft een indicatie van het relevante regelgevingskader en koppelt het aan onze bedrijfsnormen. Het veranderende wettelijke kader is cruciaal voor de activiteiten van EXMAR. Niet alleen onze juridische afdeling maar ook de operationele, technische en bevrachtingsteams zijn hier nauw bij betrokken. De technische en HSEQ-departementen verzekeren dat de relevante regels en wetgevingen correct worden vertaald naar zowel de nieuwbouw van schepen als de diensten voor ship management.
Het dient vermeld dat EXMAR actief deelneemt aan werkgroepen zoals de Belgische Redersvereniging, om input en feedback te leveren en nieuws te delen over het opstellen van nieuwe wetgeving op het niveau van de IMO en de EU. Naast de aandacht voor de emissieregels is er een toenemende focus op het groener en veiliger maken van de scheepsrecyclage in de EU. EXMAR is ook een actief lid van SIGTTO, waar het de LPG-scheepvaart en -terminalactiviteiten promoot, ervaringen en goede praktijken uitwisselt of problemen bespreekt.
| Materieel onderwerp | Bedrijfsnorm | (Inter)nationale referentie | |
|---|---|---|---|
| Risico en regelgevende omgeving |
Naleving | Statuten, Corporate Governance Charter, Gedragscode |
Belgische Corporate Governance Code 2020, Belgisch Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen |
| Dealing Code | EU-verordening inzake marktmisbruik | ||
| Compliance Model/handboek | Committee of Sponsoring Organizations (COSO) 2013 Kader |
||
| Veiligheid en gezondheid van de werknemers |
HSEQ-beleid | ISM-code, Marine Crew Resource Management, Modern Slavery Act |
|
| Klimaatverandering | HSEQ-beleid | EU Green Deal (ETS), IPCC en IMO -kader |
|
| Luchtemissies | HSEQ-beleid | IMO Marpol-verdragen, EU Zwavel Richtlijnen, UNCLOS |
|
| ICT | ICT-beleid | IMO cyberrisico in SMS | |
| Beleid voor intellectueel eigendom | |||
| Anticorruptie | Fraudebestrijding, klokkenluiden | UN Global Compact, US Foreign Corrupt Practices, UK Bribery Act |
|
| Beleid tegen het witwassen van geld | |||
| Concurrentie | Antitrust- en mededingingsbeleid |
| Meting/materialiteit | Bedrijfsnorm | 2021 | 2020 | 2019 | |
|---|---|---|---|---|---|
| Samenstelling van de Raad van bestuur Remuneratie Gegevens bescherming |
Aantal vergaderingen van de Raad van Bestuur | Aantal | 5 | 8 | 7 |
| Aantal bestuurders | Aantal | 10 | 10 | 11 | |
| Aanwezigheid op vergaderingen van de raad | % | 100% | 96% | 100% | |
| Aandeel van het andere geslacht | % | 40% | 40% | 45% | |
| Auditkosten | 1.000 EUR | 389 | 380 | 457 | |
| Niet-auditkosten | 1.000 EUR | 140 | 184 | 254 | |
| Remuneratie Raad en Comités | 1.000 EUR | 580 | 600 | 650 | |
| Vergoeding EXCO | 1.000 EUR | 1.355 | 1.530 | 2.493 | |
| Vergoeding CEO | 1.000 EUR | 575 | 1.876 | 998 | |
| Gescande bestanden op eindpunten en IP's | Aantal | 690.170.000 | 578.320.000 | Geen gegevens |
|
| Inbreuken op de beveiliging van eindpunten | Aantal | 121 | 137 | Geen gegevens |
De samenstelling van de Raad van Bestuur en de Comités van EXMAR volgt de voorschriften van het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV), de statuten van EXMAR en de Corporate Governance Code (Code 2020). De Raad van Bestuur telt tien leden, een voldoende aantal bestuurders om een goede werking te verzekeren, rekening houdend met de specifieke activiteitendomeinen van de onderneming. EXMAR streeft naar een diverse Raad van Bestuur: bestuurders die niet alleen in achtergrond, opleiding, leeftijd of gender verschillen maar ook in hun onafhankelijkheid, ervaring en professionele expertise. Dit schept een waaier van perspectieven, inzichten en kritisch denken die wij als essentieel beschouwen voor een efficiënte besluitvorming en een goed bestuur. In navolging van het Corporate Governance Charter worden er minimum vier vergaderingen per jaar georganiseerd. Bijkomende vergaderingen worden gepland telkens wanneer het belang van de vennootschap dit vereist. Het Benoemings- en Remuneratiecomité verzekert dat de bezoldigingen de marktpraktijken volgen en conform zijn met het bezoldigingsbeleid van het bedrijf. Dit bezoldigingsbeleid implementeert de voorzieningen en nieuwe bepalingen van de wetgeving van 26 november 2019 en 6 mei 2020, voor de implementatie van de tweede Richtlijn betreffende de aandeelhoudersrechten (SRDII), het WVV en de Code 2020. Meer informatie is te vinden het Remuneratieverslag, dat de bezoldiging van de uitvoerende en niet-uitvoerende bestuurders van EXMAR beschrijft en uiteenzet hoe de vergoeding van het management wordt bepaald, rekening houdend met de individuele prestaties en die van de onderneming.

INNOVATIE
Met betrekking tot innovatie will EXMAR vooral inzetten op DOD 7 en 9 gezien deze waardes verankerd zijn in de bedrijfsprincipes
• EXMAR staat in de voorhoede van oplossingen voor het scheepsvervoer van LPG, LNG en ammoniak gezien we actief deelnamen aan de transformatie van de LPG/LNG-waardeketen, met goedkopere,
efficiëntere oplossingen voor de wereldwijde distributie van betaalbare energie, in lijn met DOD 7.
• EXMARs innovatieve benadering van de ontwikkeling van nieuwe scheepsontwerpen, de overslag tussen schepen en baanbrekende FSRU- en FLNG-diensten illustreert onze bijdrage aan DOD 9.
Om de koolstofvoetafdruk te verkleinen en de klimaatverandering aan te pakken, is EXMAR buitengewoon goed geplaatst om bij te dragen aan de globale transitie naar een koolstofarme economie. Onder meer de toegenomen vraag naar duurzame infrastructuur versnelt de energietransitie. Ondernemingen die innoveren, kunnen nieuwe markten creëren en nieuwe kapitaalbronnen aantrekken.
Sinds zijn ontstaan heeft EXMAR gestreefd om te blijven innoveren. Voorbeelden hiervan zijn de introductie van de overslag tussen schepen (STS), de bouw van de eerste FSRU- en FLNG-platformen en de consistente ontwikkeling van de meest innovatieve Midsize Gas Carrier-designs. Beduidende middelen en een deel van de investeringsbudgetten worden toegewezen aan onderzoek en ontwikkeling van groene initiatieven.
De twee nieuwe VLGC's die op de scheepswerf van Jiangnan werden gebouwd, zijn in juni en september 2021 opgeleverd. Alle tests en proeven hebben tot nu toe bewezen dat de milieuprestaties van de schepen aan de verwachtingen voldoen en zelfs de beste in hun klasse zijn door:
In navolging van de-IMO reglementering, moeten de schepen voldoen aan de EEDI-2 limieten die een vermindering in koolstofvoetafdruk vereist van 20% vergeleken met de referentie 2013. Deze verminering werd makkelijk gehaald en de proefvaarten bevestigen dat de schepen 38.5% minder koolstof uitstoten dan de referentie. Dit betekent dat FLANDERS INNOVATION en FLANDERS PIONEER nog beter doen dan de EEDI-3 vereisten EEDI-3 die opgelegd wordt voor schepen gebouwd vanaf 2022.
Wat het sociale aspect betreft, zijn de schepen gebouwd conform het Maritiem Arbeidsverdrag. Bijkomende investeringen werden gedaan om de verblijfsruimten en hun uitrusting te verbeteren,

voor een beter welzijn van de bemanning. De kombuisuitrusting werd verbeterd en het kombuis is in samenwerking met een gespecialiseerde coach ontworpen. De schepen krijgen een landschapskantoor dat zal bijdragen tot sociale interactie. Om dezelfde reden heeft men voor een gemeenschappelijke mess gekozen, in plaats van de gebruikelijke scheiding tussen officieren en bemanning. Voor de rokers werd een aparte rookkamer met een gepaste afzuigventilator voorzien. Alle andere delen van de verblijfsruimten zijn rookvrij.
In 2021 was EXMAR actief op twee scheepswerven met teams die toezicht hielden op de werven: een op de Jiangnan Shipyard in Shanghai, China, voor de bouw van de twee nieuwe VLGC's en een bij Hyundai Heavy Industries in Ulsan, Zuid-Korea, voor de bouw van het halfafzinkbare platform voor King's Quay. Beide teams werden samengesteld uit internationale expats en lokale supervisors.
De pandemie heeft het moeilijk gemaakt om mensen ter plekke te krijgen, ze er te laten verblijven en ze ook weer op tijd naar huis te brengen. Desalniettemin is EXMAR er in geslaagd permanent toezicht te houden op beide locaties dankzij de goede ondersteuning van de plaatselijke supervisors.
EXMAR verzekert zich ervan dat alle supervisors in optimale omstandigheden kunnen werken en dat alle relevante HSEQ-richtlijnen worden gevolgd. De vereiste uitrusting, persoonlijke beschermingsmiddelen en kantoorruimte worden voorzien teneinde de dagelijkse inspecties te kunnen uitvoeren. EXMAR verzekert contractueel dat de scheepswerf de richtlijnen van het OCIMF voor 'Health, Safety and Environment at New Building shipyards' volgt, een garantie voor een veilige werkomgeving voor onze supervisors in de uitdagende context van de zware industrie.
Om de uitstoot van broeikasgassen van de wereldvloot tegen 2050 ten minste te halveren, zoals de IMO wenst, zal een deel van de vloot koolstofneutraal moeten worden, als compensatie voor de bestaande tonnage waarvoor een sterke reductie niet altijd haalbaar is. Hier kan ammoniak als brandstof een belangrijke rol spelen. De ammoniakmolecule is een verbinding van waterstof en stikstof en bevat geen koolstof. Bij de verbranding van ammoniak komt dus geen CO2 vrij in de atmosfeer. De uitstoot bestaat voornamelijk uit waterdamp en stikstofgas, dat 78 % van de lucht vormt die wij inademen.
Verschillende studies hebben het potentieel van ammoniak aangeduid, wat verklaart waarom EXMAR de vooruitzichten van ammoniak als brandstof grondig bestudeert. Een deel van EXMARs Midsize Gas Carrier (MGC)-vloot vervoert ammoniak. Deze schepen kunnen het ideale proefmodel zijn voor de integratie van ammoniak als brandstof. Samen met verscheidene partners en leveranciers heeft EXMAR de principe-goedkeuring behaald van de klassificatiemaatschappij Lloyd's Register voor het gedetailleerd ontwerp van een MGC met ammoniak als brandstof. Deze principiële goedkeuring werd uiteengezet in het persbericht van EXMAR van 10 maart 2021. Gebaseerd op deze principe-goedkeuring zet EXMAR zijn conceptuele ontwerp van zulk schip verder. Frequente vergaderingen vinden plaats met de leveranciers van scheepsmotoren, namelijk MAN-ES in Denemarken en WINGD in Zwitserland. Beide bedrijven ontwikkelen momenteel motoren werkende op ammoniak als brandstof en deze zouden beschikbaar moeten zijn tegen 2024-2025.
EXMAR kondigde eerder in 2021 aan dat het een samenwerkingsovereenkomst heeft getekend met een van zijn klanten, namelijk NUTRIEN, voor het gemeenschappelijke ontwerp van een schip op koolstofarme ammoniak als brandstof. NUTRIEN, dat al meerdere decenia een partner is van EXMAR, is een van de grootste producenten van koolstofarme ammoniak. Deze nieuwe samenwerking mikt erop de transportemissies significant te verminderen en de commerciële ontwikkeling van schepen op ammoniak als brandstof mogelijk te maken.
NUTRIEN investeert reeds geruime tijd in de ontwikkeling van koolstorarme ammoniak en heeft een productiecapaciteit van ongeveer 1 miljoen ton via haar Redwater en Joffre Alberta operaties. Hierbij hoort ook zijn faciliteit in Geismar, Lousiana waar koolstofopvang en –opslag kan gebruikt worden om de koolstofintensiteit van ammoniak voor maritieme consumptie te verminderen.
Vergeleken met traditionele brandstoffen, kan NUTRIEN's huidige koolstofarme ammoniak zorgen voor een vermindering in CO2 uitstoot van 40%. Een vermindering van 70% kan behaald worden via de ontwikkeling en het opschalen van beschikbare technologieën voor de permanente opvang en opslag van koolstof.
NUTRIEN en EXMAR vertrouwen erop dat de ontwikkeling van een schip op koolstofarme ammoniak ervoor kan zorgen dat de IMO doelen voor 2050 behaald worden en verwachten dat grondige decarbonisatie van de maritieme sector haalbaar is voor 2030.
Onder de samenwerkingsovereenkomst zullen EXMAR en NUTRIEN werken aan:
• het opereren van een schip op ammoniak als brandstof ten vroegste vanaf 2025
De Green Deal van de EU geeft de Europese industrie beduidend meer stimulansen om de uitstoot van broeikasgassen te beperken. De verbetering van de efficiëntie van de industriële processen om hun koolstofvoetafdruk te verkleinen heeft echter haar grenzen. Daarom onderzoeken veel bedrijven mogelijkheden om de CO2 -uitstoot uit hun schoorstenen af te vangen en op te slaan (CCS) of te hergebruiken (CCU). Het hergebruik van CO2 heeft een potentieel om een circulaire economie tot stand te brengen, maar de technologie is er nog niet klaar voor en de schaal waarop het mogelijk is, blijft beperkt. Een oplossing op relatief korte termijn voor een ingrijpende beperking van de CO2 - voetafdruk in lijn met de eisen van de Green Deal is de afvang van CO2 en zijn veilige ondergrondse opslag.
De kaart toont 30 locaties waar grote CCUS-projecten worden gepland, haalbaarheidsstudies worden uitgevoerd en in sommige gevallen al definitieve investeringsbeslissingen zijn genomen. Men kan twee conclusies trekken die voor EXMAR relevant zijn:
Omdat de installatie van pijpleidingen in de Noordzee veel tijd zal kosten en erg duur zal zijn, zal men de scheepvaart nodig hebben om een grootschalige CO2 -opslag mogelijk te maken. Men verwacht dat tegen 2030 een verschepingscapaciteit voor CO2 van meer dan 10 MTPA nodig zal zijn om CO2 uit Noordwest-Europa naar opslaglocaties in de Noordzee te vervoeren. EXMAR is begonnen met het ontwerp van een CO2 -tanker met een capaciteit van ongeveer 35.000 ton voor dergelijke volumes. Een interne studie heeft aangetoond dat het voor de verscheping van volumes van 2-3 MTPA zinnig is om grotere schepen te gebruiken dan de twee schepen van 7.500 ton die nu voor het project Northern Lights worden overwogen.
OVERZICHT VAN BESTAANDE EN GEPLANDE CCUS FACILITEITEN

Lacq*
DMX Demonstratie in Duinkerke*
1 3 2
5 1 2 3 4
2
1
6
1
3 4 7
5
2
1
3
1
1
1
1
1 2 3
2
2
1
in uitvoering
Het vervoer van CO2 moet gebeuren onder specifieke omstandigheden. LNG, LPG en ammoniak kunnen vervoerd worden op atmosferische druk tot zolang de lading voldoende gekoeld blijft. CO2 kan echter alleen vloeibaar gehouden worden onder druk (boven 4 barg) met een temperatuur van maximaal -56°C om verharding (droog ijs formatie) te voorkomen. De huidige CO2 -tankers vervoeren het product op een druk van 15 barg in cylindrische tanks van IMO type C. Gezien schaalvergroting nodig zal zijn om de groeiende volumes koolstof te transporteren, zullen kleinere schepen van 5.000 m3 niet volstaan. De ontwikkeling van grotere schepen met CO2 op lagere druk wordt een economische en technische uitdaging. Daarom overweegt EXMAR het vervoer van CO2 onder lage druk (zo'n 7 barg). Zelfs onder deze lagere druk wordt de constructie van grote cylindrische (of bi-lobe) tanks een technische uitdaging zowel voor het ontwerp zelf als om staal te vinden die aangepast is aan de combinatie van druk en cryogene temperaturen.
Om dit probleem op te lossen, werkt EXMAR samen met LATTICE. Het gepatenteerde ontwerp van de Lattice Pressure Vessel laat toe dat tanks onder druk worden gebouwd in prismatische vorm (wat reeds gekend is van LPG type A, LNG prismatische tanks type B en LNG membraantanks). Dit laat toe om kostenefficiënte schepen te ontwerpen met gelijkaardige afmetingen als een standaard MGC. Een haalbaarheidsstudie bewijst dat dit ontwerp de beste oplossing biedt voor CO2 transport op grote schaal aan lage of zelfs gemiddelde druk. Het ontwerp en de grootte van zulk schip kan aangepast worden aan de vereiste volumes voor transport om ervoor te zorgen dat de meest optimale en kostenefficiënte oplossing word uitgewerkt. In vergelijking met schepen met cylindrische tanks van IMO type C, kunnen schepen met Lattice ontwerp tot 20% kleiner zijn voor eenzelfde transportcapaciteit. EXMARs initiële ontwerp is een 210 m lang Panamax breedte schip met een transportcapaciteit van ongeveer 40.000 m3 . Dergelijk schip zal ontworpen worden om CCUS projecten te ondersteunen met een capaciteit van 2 tot 10MTPA. Bijkomend werd een opslagcapaciteit van 3.000 m3 voor koolstofarmere brandstoffen zoals LPG, LNG of ammoniak voorzien. Het gemeenschappelijke ontwerp zal ervoor zorgen dat LATTICE innovatieve tankdesign voor CO2 transport gecombineerd wordt met EXMARs grote vakkennis en grondige ervaring in het ontwerp en het opereren van innovatieve gastankers. Het basisontwerp van het schip en ladingsysteem wordt momenteel uitgewerkt, waarop een principe-goedkeuring zal volgen.
Gezien het grootste deel van de CCUS consortia momenteel kijken naar schepen op gemiddelde druk, werkt EXMAR ook aan een 12.000 m3 CO2 tanker op gemiddelde druk. Een studie zal worden uitgevoerd met LATTICE Technologie om te bepalen of de tanks op deze druk ook een competitief voordeel hebben ten opzichte van de traditionele cylindrische tanks.


EXMAR is sinds 2019 lid van de Belgian Hydrogen Import Coalition. Deze coalitie verzamelt de industriële expertise van EXMAR, DEME, ENGIE, Fluxys, Port of Antwerp, Port of Zeebrugge en Waterstofnet voor de studie van de import van hernieuwbare energie door middel van waterstofdragende moleculen.
Begin 2021 werd een studie uitgevoerd naar alle stappen van de waardeketen, van productie van hernieuwbare energie naar electrolyse en synthese in een waterstofdragende molecule, het transport, het beheer van de terminals en uiteindelijk eindgebruik in België.
Met zon en wind geproduceerde hernieuwbare energie zal door middel van grootschalige elektrolyse in waterstof worden omgezet. Waterstof is moeilijk te vervoeren, maar door er CO2 aan toe te voegen, kan men ze omzetten in andere moleculen zoals methaan of methanol. Ze kan ook, met de toevoeging van stikstof, in 'groene' ammoniak worden omgezet, of opgenomen worden in een vloeibare organische waterstofdrager (LOHC) zoals dibutylbenzeen.
Uit de studie bleek dat de grootschalige import van groene waterstof technisch haalbaar en kosteneffectief is. De kosten van de levering in België van geïmporteerde hernieuwbare energie uit goedkope locaties liggen in een bereik van 65-90 €/MWh tegen 2030-2035, met een potentiële bijkomende kostenverlaging naar 55-75 €/MWh of minder tegen 2050. Aangezien verscheidene op waterstof gebaseerde moleculen mogelijk zijn en veel bronregio's energie tegen competitieve prijzen kunnen leveren, is men zeker van degelijke en voldoende gediversifieerde geopolitieke en marktdynamieken.
De meest veelbelovende op waterstof gebaseerde energiemoleculen – ammoniak, methanol en synthetisch methaan – worden niet gehinderd door technologische obstakels voor de opschaling en zouden al in bestaande transportlijnen en afzetmarkten kunnen worden toegepast. Een gediversifieerde portfolio van initiële projecten en demonstraties voor al deze moleculen en technologieën zal helpen om ervaring te verwerven en de kostenverschillen verder te beperken.
Samen met zijn partners in de Hydrogen Import Coalition, draagt EXMAR bij aan de hoofddoelen die gesteld werden:

4.1 CORPORATE GOVERNANCE VERKLARING 76
Corporate governance bepaalt de regels en gedragingen om ondernemingen naar behoren te besturen en te controleren, met als doel de transparantie te vergroten. Het is een systeem van controles en evenwichten tussen de aandeelhouders, de Raad van Bestuur, de Chief Executive Officer en het Uitvoerend Comité.
De Code 2020 is volgens 10 principes gestructureerd.
Het Corporate Governance Charter van EXMAR werd op 3 december 2020 door de Raad van Bestuur goedgekeurd.
Het Charter is een samenvatting van de regels en principes waarrond het Corporate Governance beleid van EXMAR georganiseerd is. Het is gebaseerd op de bepalingen van de gecoördineerde statuten van EXMAR, het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen ('WVV') en de Code 2020.
Het Charter werd in 2020 aangepast door de Raad van Bestuur om de Code aan te duiden als referentiecode zoals bedoeld in artikel 3:6 §2 1° WVV.
Vooraleer het Charter aan te nemen, heeft de Raad van Bestuur grondig nagedacht over de governancestructuur, de duurzame waardecreatie en de focus op de lange termijn. EXMAR is zich bewust van het belang van deugdelijk bestuur en is ervan overtuigd dat de naleving van de hoogste normen voor corporate governance fundamenteel is voor de groei op lange termijn en belangrijk voor alle stakeholders van de Vennootschap. EXMAR is een institutioneel lid van Guberna, een kenniscentrum voor de bevordering van Corporate Governance in al zijn vormen, dat een platform biedt voor de uitwisseling van ervaringen, kennis en goede praktijken.
De belangrijkste functies van het governancemodel van EXMAR zijn:
EXMAR streeft ernaar om de meeste bepalingen van de Code 2020 na te leven, maar de Raad van Bestuur is van mening dat sommige afwijkingen van bepalingen gerechtvaardigd kunnen zijn in de specifieke context van de Vennootschap. Indien van toepassing, wordt in de Corporate Governance Verklaring (de 'Verklaring') uitleg verstrekt over de afwijkingen tijdens het afgelopen boekjaar op bepaalde bepalingen van de Code in overeenstemming met het principe 'pas toe of leg uit'.
EXMAR wijkt af van de bepalingen 7.6 en 7.9 van de Code 2020. Deze afwijkingen worden beschreven en toegelicht in het remuneratieverslag.
Deze Corporate Governance Verklaring beschrijft de maatregelen die EXMAR neemt om de naleving van de wet- en regelgeving te verzekeren. Om de risico's op inbreuken en hun nadelige gevolgen voor EXMAR en alle stakeholders te beperken, werd een complianceprogramma voor EXMAR geïmplementeerd.
Het Charter moet samen worden gelezen met de gecoördineerde statuten van de Vennootschap, het jaarlijks financieel verslag (inclusief de Verklaring) en alle andere informatie die door EXMAR ter beschikking wordt gesteld. De elementen opgesomd in artikel 34 van het Belgisch Koninklijk Besluit van 14 november 2007 en artikel 14 van de Wet van 2 mei 2007 worden uiteengezet in deze Verklaring en in het verslag van de Raad van Bestuur aan de aandeelhouders en moeten bijgevolg in samenhang worden gelezen.
Het Charter en de Verklaring van EXMAR kunnen worden geraadpleegd op de website: http://exmar.be/nl/investors/corporate-governance.

De Buitengewone Algemene Vergadering van 11 september 2020 heeft de statuten van de Vennootschap goedgekeurd om aan het WVV te voldoen. Er werd een monistische bestuursstructuur aangenomen. Ten minste om de vijf jaar beoordeelt de Raad van Bestuur of de gekozen bestuursstructuur nog passend is, en zo niet, stelt hij aan de Algemene Vergadering een nieuwe bestuursstructuur voor.
De Raad van Bestuur telt momenteel tien leden, een voldoende aantal bestuurders om een goede werking te verzekeren, rekening houdend met de eigenheid van de Vennootschap.
Functies en ambtstermijnen van de leden van de Raad van Bestuur per 31 december 2021:
| Naam – Functie | Begin mandaat | Einde mandaat |
|---|---|---|
| • FMO BV vertegenwoordigd door Francis MOTTRIE • Uitvoerend bestuurder • Chief Executive Officer (CEO) Benoemd op de Algemene Vergadering van 18 mei 2021 als uitvoerend bestuurder ter vervanging van / in voortzetting van het mandaat van dhr. Francis Mottrie |
11 september 2020 | Algemene Vergadering 2022 |
| Nicolas SAVERYS • Executive Chairman • Uitvoerend bestuurder |
20 juni 2003 | Algemene Vergadering 2024 |
| Michel DELBAERE • Onafhankelijk bestuurder • Voorzitter Benoemings- en Remuneratiecomité * Vanaf 9 september 2021 |
17 mei 2016 | Algemene Vergadering 2022 |
| JALCOS NV vertegenwoordigd door Ludwig CRIEL • Niet-uitvoerend bestuurder • Voorzitter Benoemings- en Remuneratiecomité • Voorzitter Audit- en Risicocomité Benoemd op de Algemene Vergadering van 16 mei 2017 als niet-uitvoerend bestuurder ter vervanging van / in voortzetting van het mandaat van dhr. Ludwig Criel (benoemd tot bestuurder op 20 juni 2003) |
16 mei 2017 | 1 juli 2021 |
| Ariane SAVERYS • Niet-uitvoerend bestuurder |
15 mei 2012 | 18 mei 2021 |
| Pauline SAVERYS • Niet-uitvoerend bestuurder |
15 mei 2012 | 18 mei 2021 |
| Baron Philippe VLERICK • Niet-uitvoerend bestuurder • Lid van het Audit- en Risicocomité |
20 juni 2003 | Algemene Vergadering 2023 |
| Barbara SAVERYS • Niet-uitvoerend bestuurder |
19 mei 2015 | 27 juli 2021 |
| Isabelle VLEURINCK • Onafhankelijk bestuurder • Lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité • Lid van het Audit- en Risicocomité |
21 mei 2019 | Algemene Vergadering 2022 |
| Wouter DE GEEST • Onafhankelijk bestuurder • Lid van het Audit- en Risicocomité |
19 mei 2020 | Algemene Vergadering 2022 |
| Naam – Functie | Begin mandaat | Einde mandaat |
|---|---|---|
| Carl-Antoine SAVERYS • Uitvoerend bestuurder (ter vervanging van Ariane Saverys) |
18 mei 2021 | Algemene Vergadering 2024 |
| Stephanie SAVERYS • Niet-uitvoerend bestuurder (ter vervanging van Pauline Saverys) |
18 mei 2021 | Algemene Vergadering 2024 |
| ACACIA I BV vertegenwoordigd door Els VERBRAECKEN • Onafhankelijk bestuurder • Lid van het Audit- en Risicocomité • Lid van het Benoemings- en Remuneratiecomité |
coöptatie 9 september 2021 |
Algemene Vergadering 2022 |
| Maryam AYATI • Onafhankelijk bestuurder |
coöptatie 9 september 2021 |
Algemene Vergadering 2022 |
De Raad van Bestuur is het hoogste besluitvormende orgaan van de Vennootschap. De bevoegdheden en de werking van de Raad van Bestuur worden in extenso beschreven in het Charter.
De Raad is bevoegd om alle handelingen te verrichten die nodig of nuttig zijn voor de verwezenlijking van het doel van de Vennootschap, met uitzondering van die welke door het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen of door de gecoördineerde statuten aan de Algemene Vergadering zijn voorbehouden.
De Raad van Bestuur streeft het succes van de Vennootschap op lange termijn na, voorziet hiervoor in het nodige leiderschap en zorgt ervoor dat risico's geïdentificeerd en beheerd kunnen worden. De Raad van Bestuur is verantwoordelijk voor de algemene strategie en waarden van EXMAR, gebaseerd op de sociale, economische en milieuverantwoordelijkheid, de genderdiversiteit en de diversiteit in het algemeen.
In 2021 heeft de Raad vijfmaal vergaderd, telkens onder het voorzitterschap van de heer Nicolas Saverys. Alle bestuurders waren op de vergaderingen aanwezig of vertegenwoordigd. Voorts heeft de Raad bij drie gelegenheden schriftelijke besluiten genomen over specifieke aangelegenheden.
Naast de uitoefening van de bevoegdheden voorzien door de wet, de statuten en het Corporate Governance Charter, behandelt de Raad van Bestuur de beoordeling en de beslissingen rond de langetermijnstrategie, belangrijke beleidslijnen en de structuur van de Vennootschap en de bekendmaking van de jaarrekening en jaarlijks financieel verslag van de Groep.
*Tot 1 juli 2021
Wouter DE GEEST
• Onafhankelijk bestuurder
ACACIA I BV vertegenwoordigd door Els VERBRAECKEN* • Onafhankelijk bestuurder *Vanaf 9 september 2021
De Code 2020 voorziet dat de Raad van Bestuur een Auditcomité opricht in overeenstemming met het WVV. Gelet op zijn rol in risico-aangelegenheden, kan dit comité ook 'Audit- en Risicocomité' genoemd worden. De Raad van Bestuur besliste in 2020 om het Auditcomité en het Risicocomité in één Audit- en Risicocomité samen te brengen.
Ingevolge het ontslag van JALCOS NV met ingang van 1 juli 2021, werd Philippe Vlerick benoemd als voorzitter van het Comité op de vergadering van 9 september 2021 en werd ACACIA I BV vertegenwoordigd door Els Verbraecken door de Raad van Bestuur benoemd als lid van het Comité met ingang van 9 september 2021.
De Raad van Bestuur heeft aan het Audit- en Risicocomité, binnen zijn domein, de ruimste onderzoeksbevoegdheden toegekend.
Het Audit- en Risicocomité verleent bijstand aan de Raad van Bestuur met betrekking tot zijn toezichtverantwoordelijkheden en controle in de meest ruime zin. Het is het contactpunt voor zowel de Interne als de Externe Auditor. Dankzij hun kwalificaties, hun loopbaan in verschillende multinationale groepen en hun huidige professionele werkzaamheden beschikken alle leden van het Auditcomité over de vereiste expertise inzake accounting en auditing en zijn zij vertrouwd met financiële verslaggeving, boekhoudstandaarden en risico's.
Gelet op de inwerkingtreding van de Algemene Verordening Gegevensbescherming 2016/679 (AVG, of GDPR) van de EU op 25 mei 2018 werd een Data Protection Comité ("DPC") opgericht. Het DPC rapporteert aan het Audit- en Risicocomité.
De specifieke verantwoordelijkheden van het Auditen Risicocomité zijn uiteengezet in het Corporate Governance Charter en in een Audit Charter. Dit Audit Charter werd door de Raad van Bestuur goedgekeurd op 31 maart 2011 en wordt van tijd tot tijd herzien, laatst op 19 maart 2021.
In 2021 werden vier vergaderingen gehouden, telkens in aanwezigheid van alle leden. De interne auditor woonde alle vergaderingen bij en de Commissaris woonde drie vergaderingen bij.
Het Audit- en Risicocomité boog zich over specifieke financiële aangelegenheden en aangelegenheden met betrekking tot de interne controle, het risicobeheer en de naleving die gedurende het jaar aan de orde kwamen en deed aanbevelingen aan de Raad van Bestuur.
Michel DELBAERE
JALCOS NV vertegenwoordigd door Ludwig CRIEL* • Niet-uitvoerend bestuurder
• Voorzitter Benoemings- en Remuneratiecomité *Tot 1 juli 2021
Isabelle VLEURINCK
• Onafhankelijk bestuurder
ACACIA I BV vertegenwoordigd door Els VERBRAECKEN* • Onafhankelijk bestuurder *Vanaf 9 september 2021
Het Benoemings- en Remuneratiecomité werkt conform artikel 7:100 van het WVV:
Het Benoemings- en Remuneratiecomité was per 31 december 2021 samengesteld uit drie leden en rapporteert aan de Raad van Bestuur. Na het ontslag van JALCOS NV per 1 juli 2021 bestond het Comité tijdelijk uit twee leden tot 9 september 2021, toen de Raad van Bestuur ACACIA I, vertegenwoordigd door Els Verbraecken, als lid van het Comité benoemde. De leden van het Comité verkozen op 9 september 2021 Michel Delbaere tot voorzitter van het Comité.
Het Comité is evenwichtig samengesteld en bezit de nodige onafhankelijkheid, vaardigheden, kennis en competentie om zijn taken efficiënt uit te oefenen.
Het Comité staat de Raad van Bestuur bij in de uitoefening van zijn verantwoordelijkheid inzake de bepalingen van het remuneratiebeleid van de Vennootschap en de benoemingsprocedures.
De specifieke verantwoordelijkheden zijn uiteengezet in het Corporate Governance Charter van EXMAR en Charter van het Benoemings- en Remuneratiecomité. Dit laatste werd door de Raad van Bestuur goedgekeurd op 29 november 2011 en wordt van tijd tot tijd herzien, laatst op 3 december 2021. De Raad van Bestuur keurde op 3 december 2021 eveneens een revisie van de procedure voor de benoeming en herbenoeming van bestuurders en leden van het Uitvoerend Comité goed.
In 2021 werden vier vergaderingen gehouden, in aanwezigheid van alle leden, met uitzondering van de vergadering van 18 mei 2021, die door twee van de drie leden werd bijgewoond.
Met betrekking tot remuneratie werden volgende onderwerpen behandeld:
Met betrekking tot de benoemingen van de nieuw benoemde bestuurders en leden van het Uitvoerend Comité heeft het Comité aanbevelingen geformuleerd in overeenstemming met het diversiteitsbeleid van de Vennootschap.
Voor een efficiënte werking is het noodzakelijk voor de Raad van Bestuur om een transparante werking te hebben zodat hij zijn prestaties kan meten en beoordelen met het oog op potentiële vernieuwing en verbetering.
De Code 2020 en het Charter voorzien in deze vereiste door op regelmatige wijze de leden van de Raad een evaluatie te laten uitvoeren.
De Raad van Bestuur heeft onder leiding van zijn Voorzitter in 2011 een evaluatieproces in voege gebracht dat van tijd tot tijd werd herhaald. In 2021 vond een nieuwe evaluatie plaats.
Het voornaamste doel van de evaluatie is de verbetering van de toegevoegde waarde van de Raad van Bestuur. Ze moet de waarden van de Vennootschap versterken, de efficiëntie verhogen en ook helpen met het opsporen van en proactief omgaan met mogelijke problemen.
De feedback gegeven door de leden van de Raad van Bestuur in deze evaluatie mondt uit in het verfijnen van de werking van de Raad van Bestuur en de Comités waar nodig.
Dhr. Mathieu Verly werd benoemd als Secretaris op 1 juli 2015.
De Secretaris verzekert dat de procedures van de Raad van Bestuur worden gevolgd en dat de Raad van Bestuur handelt in overeenstemming met zijn wettelijke en statutaire verplichtingen. Hij adviseert de Raad van Bestuur in alle bestuursaangelegenheden en staat de Voorzitter van de Raad bij in het vervullen van bovenvermelde taken en in de logistiek in verband met de aangelegenheden van de Raad van Bestuur (informatie, agenda, enz.).
FMO BV vertegenwoordigd door Francis MOTTRIE • Uitvoerend bestuurder • Chief Executive Officer (CEO) FINMORE BV vertegenwoordigd door Christine VERHAERT • Chief Financial Officer (CFO) Lisann AS represented by Jens ISMAR • Executive Director Shipping FLX Consultancy BV vertegenwoordigd door Jonathan RAES
• Executive Director Infrastructure
Op 3 december 2020 heeft de Raad van Bestuur een Uitvoerend Comité opgericht dat, onder de verantwoordelijkheid van de Raad van Bestuur, belast is met het dagelijks bestuur en het beleid van de Groep, de uitvoering van de beslissingen van de Raad van Bestuur en de specifieke taken die de Raad van Bestuur aan het Uitvoerend Comité delegeert.

De Raad van Bestuur bepaalt de specifieke bevoegdheden en taken die aan het Uitvoerend Comité worden toevertrouwd, en ontwikkelt een duidelijk delegatiebeleid in nauw overleg met de CEO.
Het Uitvoerend Comité is verantwoordelijk voor het dagelijks bestuur en het dagelijks beleid van EXMAR en de EXMAR-groep, de uitvoering van de beslissingen van de Raad van Bestuur en de specifieke taken die de Raad aan het Comité heeft gedelegeerd, zoals uiteengezet in het Charter en Charter van het Uitvoerend Comité, dat werd geactualiseerd in 2020.
Het Uitvoerend Comité vergadert op regelmatige basis. De CEO is de voorzitter van het Uitvoerend Comité.
De Vennootschap werd opgericht bij notariële akte op 20 juni 2003, gepubliceerd in de bijlage tot het Belgisch Staatsblad van 30 juni onder nummer 03072972, en nadien van 4 juli onder het nummer 03076338.
De statuten werden meermaals gewijzigd. Om aan de bepalingen van het WVV te voldoen, werden nieuwe statuten goedgekeurd bij akte verleden voor notaris Benoit De Cleene te Antwerpen, als vervanger van zijn collega notaris Patrick Van Ooteghem te Temse, op 11 september 2020, gepubliceerd in de bijlage tot het Belgisch Staatsblad van 26 november onder het nummer 20139984.
De Gerlachekaai 20, 2000 Antwerpen, België.
BTW BE0860.409.202 RPR Antwerpen – Afdeling Antwerpen.
Het geplaatst kapitaal bedraagt USD 88.811.667, is volledig volstort en wordt vertegenwoordigd door 59.500.000 aandelen zonder vermelding van nominale waarde. Voor de toepassing van de bepalingen van het WVV is de referentiewaarde van het kapitaal vastgesteld op EUR 72.777.924,85.
Alle aandelen zijn volstort. In het afgelopen boekjaar hebben zich geen kapitaalwijzigingen voorgedaan die moeten worden gerapporteerd volgens artikel 7:203 van het WVV.
In afwijking van de bepalingen voorzien door artikel 3:42 van het WVV worden het kapitaal en de boekhouding uitgedrukt in US dollar. Deze afwijking werd toegestaan door het Ministerie van Economische Zaken en werd schriftelijk bevestigd op 2 juli 2003. De redenen waarom deze afwijking werd gevraagd, blijven van toepassing.
Aan alle EXMAR-aandelen zijn dezelfde rechten verbonden. Er zijn geen verschillende aandelenklassen. Elk aandeel geeft recht op één stem op de aandeelhoudersvergaderingen. Van de 59.500.000 aandelen zijn per 31 december 2021 8.565.334 aandelen geregistreerd en 50.934.656 aandelen gedematerialiseerd.
Overeenkomstig het WVV kan de Raad van Bestuur van de aandeelhouders de bevoegdheid krijgen om, in een periode van vijf jaar, het kapitaal te verhogen tot een welbepaald bedrag en binnen bepaalde grenzen.
Bij beslissing van de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders gehouden op 11 september 2020 werd aan de Raad van Bestuur de bevoegdheid verleend om, binnen de termijn van vijf jaar te rekenen van de datum van de bekendmaking van het besluit, in één of meerdere malen, op de wijze en tegen de voorwaarden die de Raad van Bestuur zal bepalen, het kapitaal van de Vennootschap te verhogen met een maximumbedrag van USD 12.000.000, de referentiewaarde van EUR 7.703.665,66 voor de toepassing van de bepalingen van het WVV. Het bijzonder verslag van de Raad van Bestuur werd opgesteld conform de bepalingen van artikel 7:199 van het WVV.
In 2021 heeft de Raad van Bestuur geen gebruik gemaakt van het recht om het kapitaal te verhogen in het kader van het toegestaan kapitaal.
EXMAR NV kan zijn maatschappelijk kapitaal verhogen of verlagen bij besluit van de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders overeenkomstig het WVV. De statuten leggen geen voorwaarden op die strenger zijn dan de wettelijke vereisten.
De Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 11 september 2020 besliste om de Raad van Bestuur te machtigen om maximaal 20% van de bestaande aandelen of winstbewijzen te verwerven voor een periode van vijf jaar vanaf de datum van bekendmaking van deze beslissing in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad, tegen een prijs per aandeel die niet hoger zal zijn dan de maximumprijs per aandeel die aanvaardbaar is volgens de toepasselijke wetgeving en niet lager zal zijn dan 0,01 euro.
Het aantal eigen aandelen per 31 december 2021 bedroeg 2.273.263 aandelen of 3,82%.
Er zijn geen statutaire beperkingen voor de overdracht van aandelen.
Op 11 september 2020 machtigde de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders de Raad van Bestuur om met inachtneming van het toepasselijk recht, ter voorkoming van een dreigend ernstig nadeel voor de Vennootschap, met inbegrip van een openbaar overnamebod op de effecten van de Vennootschap, de aandelen of winstbewijzen van de Vennootschap te verwerven en te vervreemden gedurende een periode van drie jaar vanaf de bekendmaking in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad van de beslissing van de Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 11 september 2020.
Bovendien werd aan de Raad van Bestuur de bevoegdheid verleend om bij ontvangst van een kennisgeving van de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) van een openbaar overnamebod op de effecten van de Vennootschap, het kapitaal van de Vennootschap te verhogen binnen de grenzen van het toegestaan kapitaal.
De statuten van EXMAR NV bevatten momenteel geen anti-overnamebepalingen.
Naar Belgisch recht zijn openbare overnamebiedingen op alle uitstaande stemrechtverlenende effecten van de emittent onderworpen aan het toezicht van de FSMA. Indien deze vaststelt dat een overname in strijd is met de Belgische wetgeving, kan dit leiden tot de schorsing van de uitoefening van de rechten van de aandelen die in verband met de voorgenomen overname zijn verkregen. Overeenkomstig de Belgische wet van 1 april 2007 op de openbare overnamebiedingen, moet een verplicht overnamebod worden uitgebracht wanneer een persoon, ten gevolge van een eigen verwerving of een verwerving door in onderling overleg met hem handelende personen, rechtstreeks of onrechtstreeks meer dan 30% van de effecten met stemrecht houdt in een Vennootschap met statutaire zetel in België waarvan de effecten toegelaten zijn tot de handel op een gereglementeerde markt. De verwerver moet alle andere aandeelhouders de gelegenheid bieden hun aandelen te verkopen tegen de hoogste prijs van (i) de hoogste prijs die de verwerver in de loop van de twaalf maanden voorafgaand aan de aankondiging van het bod voor aandelen van de emittent heeft geboden, of (ii) de gewogen gemiddelde prijs van de aandelen op de meest liquide markt gedurende de laatste 30 kalenderdagen voorafgaand aan de datum waarop de verwerver verplicht werd een verplicht overnamebod uit te brengen op de aandelen van alle andere aandeelhouders.
Er is geen aandelenplan voor werknemers met een dergelijk mechanisme.
De Vennootschap heeft geen kennis van afspraken tussen aandeelhouders.
Aandeelhouders per 31 december 2021: SAVEREX: 43,79% EXMAR: 3,82% Cobas Asset Management S.G.I.I.C. SA: 5,002% FREEFLOAT: 47,388%
Het EXMAR-aandeel is genoteerd op Euronext Brussel en maakt deel uit van de Bel Small index (Euronext: EXM).
In de loop van 2021 en tot aan de datum van dit verslag ontving EXMAR geen kennisgevingen in het kader van de Transparantiewet van 2 mei 2007.
De laatste kennisgevingen die door de Vennootschap ontvangen werden en aan de FSMA gemeld werden, zijn de volgende:
Overeenkomstig artikel 74 §6 van de wet op de openbare overnamebiedingen van 1 april 2007 meldde SAVEREX NV op 15 oktober 2007, geactualiseerd op 26 augustus 2021, aan de FSMA dat het meer dan 30% van de effecten met stemrecht bezit in EXMAR NV, een genoteerde vennootschap.
De wettelijke informatie wordt gepubliceerd op de website (www.exmar.be).
De jaarlijkse Algemene Vergadering van Aandeelhouders vindt plaats op de derde dinsdag van de maand mei om 14.30 uur.
De regels voor bijeenroeping, deelname, verloop van de vergadering, uitoefening van het stemrecht, wijzigingen van de statuten, benoemingen van de leden van de Raad van Bestuur en zijn Comités zijn opgenomen in de statuten en het Charter van de Vennootschap, beide beschikbaar op de website van de Vennootschap onder 'Investor Relations'. http://exmar.be/nl/investors/reports-and-downloads/ articles-association
Volgende belangrijke overeenkomsten die in voege waren in 2021, bevatten change of control clausules:
| "Loan Agreement" tussen Export LNG Limited als ontlener en de Vennootschap als garantieverstrekker, de banken en financiële instellingen opgelijst in Schedule 1 als leners, Bank of China Limited als arranger, facility agent en security agent dd 29 juni 2017, en van tijd tot tijd aangepast |
Indien de vennootschap niet onder de zeggenschap (conform Belgisch recht) blijft van SAVEREX NV (tenzij met voorafgaande toestemming van de bank), dan kan de bank krachtens de clausule de totale toezeggingen stopzetten en/ of de lening of een deel ervan, plus interest en alle bedragen die uitstaan onder de financieringsdocumenten onmiddellijk opeisbaar en betaalbaar verklaren en actie nemen onder de financieringsdocumenten. |
|---|---|
| Tien bareboat-charterovereenkomsten, | De clausule (die identiek is in de tien overeenkomsten) bepaalt dat de eigenaar |
| afgesloten door EXMAR Small Scale LPG | van elk van de schepen de huur van het schip mag beëindigen en dat de huurder |
| Hong Kong Limited als huurder, voor wiens | de onbetaalde huur en andere kosten moet betalen aan de eigenaar, in geval |
| verplichtingen EXMAR NV borg staat, voor elk | SAVEREX NV niet langer tenminste 33,3% van de stemrechten bezit in, of van het |
| van de schepen met druktanks FATIME, ANNE, | kapitaal van, de Vennootschap of anderszins ophoudt controle te hebben in de |
| DEBBIE, SABRINA en HELANE (elk dd. 23 oktober | Raad van Bestuur van de Vennootschap; of behalve voor wat betreft SAVEREX NV, |
| 2018), MAGDALENA (dd. 22 november 2018), | indien een persoon of groep van personen die samen ageren, tenminste 33.3% |
| ANGELA, ELISABETH, JOAN en MARIANNE (elk | van de stemrechten in, of de aandelen van, de Vennootschap of op een andere |
| dd. 4 april 2019). | manier controle verwerft over de Raad van Bestuur van de Vennootschap. |
| "Bond Terms" (obligatievoorwaarden) tussen EXMAR Netherlands BV, als uitgever van de obligaties, de Vennootschap, als borg, en Nordic Trustee ASA als Bond Trustee voor de obligatiehouders, dd 27 mei 2019 |
De clausule verleent in essentie aan elke obligatiehouder het recht om de uitgever van de obligaties te verzoeken de obligaties terug te kopen voor een prijs gelijk aan 101% van de uitgifteprijs met interest, (a) ingeval een persoon of groep van personen, andere dan Saverex NV of één van haar dochtervennootschappen, ofwel de meerderheid van de stemrechten verbonden aan de aandelen van de Vennootschap verwerft ofwel het recht verwerft om een meerderheid van de leden van de raad van bestuur van de Vennootschap te benoemen of te ontslaan of (b) ingeval van stopzetting van de notering van de aandelen van de Vennootschap op de beurs. |
| Aircraft Loan Agreement tussen EXMAR Marine | De clausule verleent aan de lener het recht om de leningsovereenkomst te |
| NV als ontlener en GEFA BANK GmbH als lener | beëindigen, de uitstaande terugbetalingen en andere betaalbare en uitstaande |
| dd. 28 januari 2020, aangepast op 26 februari | sommen en interesten onmiddellijk opeisbaar te verklaren en/of de zekerheden |
| 2021 en 26 mei 2021 waar EXMAR NV zich borg | gegeven onder de lening te verzilveren, in geval van een controlewijziging in het |
| stelde voor de verplichtingen van EXMAR Marine | aandeelhouderschap van EXMAR NV, dat borg staat voor de terugbetaling van de |
| NV | lening, zonder de voorafgaande goedkeuring van de lener. |
| "Revolving Credit Facility agreement", | De clausule bepaalt dat wanneer de ontleners melden dat Nicolas Saverys of zijn |
| oorspronkelijk aangegaan op 29 mei 2020 | erfopvolgers or fondsen gecontroleerd door Nicolas Saverys of zijn erfopvolgers |
| en gewijzigd en herzien op 1 februari 2022, | geen zeggenschap meer hebben over EXMAR NV, of een persoon of groep van |
| tussen EXMAR NV en EXMAR Marine NV, als | samen handelende personen zeggenschap verwerven over EXMAR NV, een lener |
| ontleners en garantieverstrekker, en EXMAR | niet verplicht zal zijn om in te gaan op een gebruiksverzoek (met uitzondering |
| Energy Hong Kong Limited, en KBC BANK NV als | van een doorlopende lening) en een toezegging van een lener kan worden |
| "Coordinator", "Mandated Lead Arranger", lener, | geannuleerd en zijn participatie in alle uitstaande gebruiksverzoeken, alle |
| agent en "Security Agent", Belfius Bank SA/NV | andere uitstaande bedragen aan die lener, opgelopen interesten en alle andere |
| en BNP Paribas Fortis SA/NV als "Mandated Lead | opgelopen bedragen die uitstaand zijn kunnen onmiddellijk verschuldigd en |
| Arrangers" en leners, als leners. | betaalbaar worden verklaard. |
| "Term Facility Agreement" dd. 10 November 2021 tussen EXMAR Netherlands B.V. als ontlener, EXMAR NV als moedermaatschappij, Sequoia Investment Management Company Limited als "arranger", Sequoia IDF Asset Holdings S.A. als oorspronkelijke lener en U.S. Bank Global Corporate Trust Limited als agent. |
De clausule bepaalt dat wanneer een persoon of groep van personen onder dezelfde beslissende invloed, of twee of meer personen die samen handelen, andere dan SAVEREX NV of een vennootschap onder beslissende invloed van Nicolas Saverys of zijn familie tot de tweede graad, beslissende invloed verwerven over de ontlener, of ingeval van stopzetting van de notering van de aandelen van de Vennootschap op Euronext Brussel, een lener niet verplicht zal zijn om in te gaan op een gebruiksverzoek, en, de beschikbare toezegging van een lener kan worden geannuleerd en de participatie van die lener in alle leningen, de opgelopen interesten en alle andere bedragen die onbetaald of betaalbaar zijn onder de financieringsdocumenten, kunnen onmiddellijk verschuldigd en betaalbaar worden verklaard. |
Overeenkomstig de bepalingen van de Code 2020 en het WVV verzekert EXMAR dat elke werknemer wordt geselecteerd op basis van onder meer competenties, talenten en vaardigheden. Er wordt algemeen van uitgegaan dat de diversiteit van de werknemers (met inbegrip van leeftijd, gender, culturele achtergrond en beroepservaring) een meerwaarde vormt voor een internationale onderneming.
In 2021 voldeed EXMAR aan de wet van 28 juli 2011 met betrekking tot genderdiversificatie in de Raad van Bestuur, en aan artikel 7:106 van het WVV.
Ook de Raad van Bestuur van EXMAR weerspiegelt diversiteit in zijn samenstelling: de bestuurders verschillen niet alleen in achtergrond, opleiding, leeftijd of gender maar ook in hun onafhankelijkheid, ervaring en professionele expertise.
Deze diversiteit verzekert een waaier van perspectieven, inzichten en kritisch denken die wij als essentieel beschouwen voor een efficiënte besluitvorming en een goed bestuur.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité onderzoekt en beoordeelt de samenstelling van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Comité en adviseert de Raad van Bestuur over de (her)benoeming van nieuwe leden en de benoeming van leden van het Uitvoerend Comité. Het Benoemings- en Remuneratiecomité beoordeelt de kandidaten op hun verdienste, zonder de noodzaak van diversiteit uit het oog te verliezen op het vlak van de achtergrond, opleiding, leeftijd, gender, onafhankelijkheid, professionele vaardigheden, professionele en persoonlijke ervaring.
Bij besluit van de Algemene Vergadering van 19 mei 2020 werd Deloitte Belgium, vertegenwoordigd door dhr. Rick Neckebroeck en dhr. Ben Vandeweyer, voor een periode van drie jaar herbenoemd tot Commissaris van de Vennootschap.
De Commissaris voert de externe audit uit op de geconsolideerde en de enkelvoudige cijfers van EXMAR. In zijn vergadering van 1 september 2017 stelde het Auditcomité voor aan de Raad van Bestuur, die ermee akkoord ging, om niet langer de halfjaarlijkse resultaten te beoordelen, in lijn met het beleid van andere genoteerde vennootschappen. De Commissaris werd echter verzocht om de geactualiseerde versie van de verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële staten te controleren om zich ervan te verzekeren dat deze in overeenstemming zijn met de door het Comité voorgestelde aanpassingen.
EY werd aangesteld om de Vennootschap bij te staan bij de uitoefening van haar interne controlewerkzaamheden. De interne auditor werd herbenoemd voor een periode van drie jaar, tot en met 31 december 2024.
De Raad van Bestuur stelde FINMORE BV, vertegenwoordigd door Christine Verhaert, aan als Compliance Officer van EXMAR, op aanbeveling van het Audit- en Risicocomité, met ingang van 1 juli 2021.
De Compliance Officer is verantwoordelijk voor het invoeren van en het toezicht op de naleving van de Dealing Code en de taken beschreven in het Compliance Model van de Vennootschap.
Het compliancebeleid van de Vennootschap bevestigt het engagement van EXMAR om de toepasselijke wetten en regels na te leven. Daartoe worden opleidingen gegeven aan de werknemers van EXMAR.
Elk lid van de Raad van Bestuur en van het Uitvoerend Comité wordt aangemoedigd om zijn of haar mandaat zo efficiënt mogelijk te organiseren en zijn of haar persoonlijke en zakelijke belangen zo te regelen dat er geen rechtstreeks of onrechtstreeks belangenconflict is met de Vennootschap.
Eventuele transacties tussen EXMAR of een met EXMAR verbonden vennootschap en een lid van de Raad van Bestuur zullen tegen de gebruikelijke marktvoorwaarden plaatsvinden. Hetzelfde geldt voor transacties tussen de Vennootschap of een met haar verbonden vennootschap en een persoon nauw verwant met een lid van de Raad van Bestuur.
In geval van belangenconflict worden de bepalingen van het WVV en het Corporate Governance Charter toegepast.
EXMAR heeft geen kennis van enig belangenconflict bij de leden van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Comité in de zin van artikel 7:96 of 7:115 WVV, behoudens deze die zouden beschreven zijn in het jaarverslag van de Raad van Bestuur aan de aandeelhouders.
Momenteel verlenen SAVERBEL NV en SAVEREX NV, vennootschappen gecontroleerd door dhr. Nicolas Saverys, administratieve diensten, en verleent SAVEREX NV consultancy diensten aan de EXMAR Groep. Deze diensten worden gefactureerd tegen marktconforme voorwaarden.
De Raad van Bestuur van EXMAR heeft overeenkomstig artikel 7:97, §1 van het WVV een beleid uitgewerkt en op 9 september 2021 goedgekeurd om de procedures vast te leggen die van toepassing zijn op de beoordeling door de Vennootschap van transacties en beslissingen in het kader van de gewone bedrijfsuitoefening met verbonden partijen.
Bepaalde transacties of beslissingen van de Vennootschap en haar dochterondernemingen die tot de bevoegdheid van de Raad van Bestuur behoren en betrekking hebben op verbonden partijen in de zin van de internationale boekhoudnorm (IAS) 24, moeten vooraf worden beoordeeld door een comité van ten minste drie onafhankelijke bestuurders, dat vervolgens een niet-bindend advies over de transactie of beslissing moet uitbrengen aan de Raad van Bestuur. Het comité kan, maar moet niet, worden bijgestaan door een of meer onafhankelijke deskundigen (financieel, juridisch, technisch, enz.). De Commissaris van de Vennootschap moet vóór de vergadering van de Raad van Bestuur worden ingelicht, zodat hij een advies kan uitbrengen over de gebruikte financiële en boekhoudkundige gegevens. De Raad van Bestuur beraadslaagt vervolgens over de voorgestelde transactie of beslissing.
De Code van Bedrijfsethiek is een onderdeel van het Corporate Governance Charter. Integriteit en ethiek zijn altijd kenmerkend geweest voor de manier waarop EXMAR zaken doet. Een sterk gevoel van integriteit is van kritiek belang voor het behoud van het vertrouwen en de geloofwaardigheid bij onze klanten, partners, werknemers, aandeelhouders en andere stakeholders. Onze Code van Bedrijfsethiek bevat regels met betrekking tot individuele en collegiale verantwoordelijkheden en verantwoordelijkheden tegenover onze werknemers, klanten, aandeelhouders en andere stakeholders.
EXMAR leverde geen bijdragen en deed geen betalingen, en verleent op geen enkele manier ondersteuning, direct noch indirect, aan politieke partijen of comités of aan individuele politici. De werknemers van EXMAR mogen geen politieke bijdrage leveren namens EXMAR of met gebruik van bedrijfsfondsen of -middelen.

De interne controle kan worden omschreven als een door het management ontwikkeld en geïmplementeerd systeem dat bijdraagt tot het beheer van de activiteiten van de onderneming, haar efficiënte werking en het efficiënte gebruik van haar middelen, in overeenstemming met de doelstellingen, de omvang en de complexiteit van haar activiteiten.
Het risicobeheer kan worden omschreven als een gestructureerd, consistent en continu proces dat erop gericht is de kansen en bedreigingen die de verwezenlijking van de doelstellingen van de Vennootschap kunnen beïnvloeden, te onderkennen, te beoordelen, er reacties op te formuleren en er verslag over uit te brengen.
De risico's, zoals in meer detail beschreven in het onderstaande deel 'Risicofactoren', zijn samengebracht in het risicoregister en omvatten de belangrijkste strategische, operationele en financiële risico's voor de Vennootschap. De Raad van Bestuur, het Audit- en Risicocomité, het Uitvoerend Comité en alle werknemers met leidinggevende verantwoordelijkheid zijn verantwoordelijk voor de beheersing van de risico's. Het Uitvoerend Comité is verantwoordelijk voor het dagelijks bestuur en het beleid van EXMAR en de groep EXMAR. Het Uitvoerend Comité vergadert op regelmatige basis. De CEO is de voorzitter van het Uitvoerend Comité.
Het Uitvoerend Comité ontwikkelt, handhaaft en verbetert voortdurend (met de steun van externe adviseurs) adequate procedures voor de interne controle en het risicobeheer (i) om een redelijke zekerheid te bieden betreffende de verwezenlijking van de doelstellingen, de betrouwbaarheid van de financiële informatie en de naleving van de toepasselijke wetten en reglementen en (ii) om de uitvoering van de procedures voor de interne controle en het risicobeheer mogelijk te maken.
De kwaliteit van de interne controle en het risicobeheer wordt beoordeeld in de loop van het boekjaar en door de uitvoering van interne audits voor de geïdentificeerde potentiële risico's. De conclusies worden gedeeld en gevalideerd met het Audit- en Risicocomité.
EXMAR heeft een interne auditfunctie opgericht om de strategische, operationele en financiële risico's te onderzoeken en te analyseren, specifieke opdrachten uit te voeren overeenkomstig het jaarlijkse interne auditplan en verslag uit te brengen en de bevindingen te bespreken met het Audit- en Risicocomité. De reikwijdte van de interne audit betreft zowel de activiteiten als de interne controle van de financiële verslaggeving. De interne auditfunctie is uitbesteed aan een bevoegde dienstverlener (EY). De Internal Audit Manager van EY rapporteert zowel aan de CFO als aan het Audit- en Risicocomité.
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle | |
|---|---|---|---|
| MARKTRISICO'S | |||
| De algemene olie- en gasmarkten en de onderling verbonden wereldwijde transportmarkt voor deze markten zijn cyclisch en volatiel. |
Een daling van de wereldwijde olie- en gasproductie zou een impact kunnen hebben op de tarieven voor gastransport, wat onze inkomsten en kasstromen zou kunnen beïnvloeden, evenals de waarde van onze vloot en onze financiële positie. |
Een gediversifieerde klantenportfolio en een goede indekking met een combinatie van contracten op lange en korte termijn. De waarde van onze vloot wordt continu bewaakt en beoordeeld op basis van interne en externe informatie. Onze positie als exploitant op lange termijn helpt om plotse veranderingen in de vrachttarieven of de output van producten op de markt te beperken. |
|
| Een lagere vraag naar gastankers en andere drijvende activa. |
Een lagere vraag zou ceteris paribus een invloed hebben op de transporttarieven en het aantal dagen dat onze vloot niet in gebruik is. Dit zou een impact hebben op onze activiteiten en kasstromen, alsook op de waarde van onze vloot en onze financiële positie. |
Een aanzienlijk deel van onze vloot is ingedekt door contracten op lange termijn. Geografische diversificatie en een kwaliteitsvolle klantenportfolio en netwerk door integratie in de markten dankzij jarenlange ervaring. We zijn een flexibele rederij die streeft naar structurele kwaliteit en duurzaamheid voor haar klanten. Aangezien gas tot 2050 erkend wordt als mondiale intermediaire brandstof, zullen er voortdurend LPG-producten worden gegenereerd, zodat de levering van de relevante producten die wij vervoeren gewaarborgd blijft. Sommige van onze MGC's zijn geleased met de flexibiliteit van koopopties gedurende het contract: als de marktomstandigheden fundamenteel zouden veranderen, kunnen wij het schip niet zomaar terugkopen. |
|
| POLITIEKE SITUATIE IN HET BUITENLAND |
Verslechtering van de economische, wettelijke en politieke situatie in landen, waaronder politieke, burgerlijke en militaire conflicten. Dergelijke evoluties kunnen leiden tot aanvallen op schepen, verstoring van waterwegen, piraterij, terrorisme en andere activiteiten.
Wijzigingen in de economische, wettelijke en politieke situatie kunnen de handelspatronen van LPG en LNG beïnvloeden, evenals onze vloot en infrastructuuractiva, ons bedrijfsresultaat en onze mogelijkheid om financiering te verkrijgen. Instabiliteit zou kunnen leiden tot een kleinere vraag naar onze diensten. We zouden ook blootgesteld kunnen worden aan hogere, bijkomende of onverwachte kosten om te voldoen aan veranderde wet- en regelgeving en er zouden gevolgen kunnen zijn voor onze verzekeringskosten of -contracten.
Een continue bewaking en beoordeling van de economische, politieke en wettelijke situatie om elke mogelijke impact te voorzien, te beperken of te vermijden. Informatie inwinnen bij autoriteiten en/of brancheorganisaties en bij gespecialiseerde consultants. Onze verzekeringspolis wordt regelmatig geactualiseerd en omvat onder andere bescherming en schadeloosstelling, casco en machines en inkomstenderving volgens de verzekerde waarden, die voldoende geacht worden om de voorziene verliezen te dekken. Het gebruik van adequate chartercontracten met industriecharters (bv. BIMCO) beperkt dit risico al in belangrijke mate. Veel van onze klanten zijn olie/gasbedrijven met sterke balansen en een sterk ondernemingsbestuur, die het politieke risico en mogelijke wanbetalingen op charters beperken.
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle | |
|---|---|---|---|
| CONCURRENTIE | |||
| Concurrenten die investeren in LPG schepen, FSRU's of ander drijvend materieel via consolidatie, aankoop van tweedehandsuitrusting of nieuwbouw. |
Er is heel veel concurrentie bij het verkrijgen van contracten. Een grotere concurrentie kan leiden tot een grotere prijsconcurrentie voor contracten en kan de prijs van schepen en ander drijvend materieel beïnvloeden. Dit kan een wezenlijke impact hebben op onze resultaten en kasstromen en op de waarde van onze vloot. |
Definiëren van een strategie met een langetermijnvisie en voortdurend rekening houdend met de bestaande trends in de sector. De ervaring van ons managementteam en onze Raad van Bestuur. Investeren in een groot aantal factoren, zoals de kwaliteit van onze activiteiten, technische bekwaamheden en reputatie, de kwaliteit en ervaring van onze bemanning en de relaties binnen de sector. Langdurige reputatie op de markt met een sterke klantenkring die vaak periodecharters verlengt dankzij onze ervaring en intern shipmanagement. De prijs wordt vaak bepaald door de marktkrachten, zodat ervaring en de kwaliteit van de aangeboden diensten van essentieel belang zijn. |
|
| KAPITAALALLOCATIE | |||
| Inefficiënte kapitaalallocatie en langetermijnvisie en -strategie, waardoor de waarde voor de aandeelhouders daalt. |
Inefficiënte investeringsbeslissingen en/of een onaangepaste investeringsstrategie op lange termijn zullen een rechtstreekse negatieve invloed hebben op de financiële middelen van de groep (verkrijgen van financiering, naleven van de convenanten) en op de algemene prestaties (opbrengsten, EBITDA en waardevermindering). |
Het management en de Raad van Bestuur van EXMAR volgen dit risico van nabij en stellen regelmatig hun langetermijnstrategie in vraag in het licht van de markt- en bedrijfsevoluties. Het risico is gespreid over verschillende markten, divisies en klanten met verschillende risicoprofielen. |
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle | |
|---|---|---|---|
| RISICO'S VERBONDEN AAN DE EXPLOITATIE VAN SCHEPEN EN ANDER DRIJVEND MATERIEEL | |||
| Milieu-ongevallen, werkonder brekingen veroorzaakt door een mechanisch defect, menselijke fout, oorlog, terrorisme, politieke acties in verschillende landen, stakingen of slechte weersomstandigheden. Schepen die niet voldoen aan bepaalde prestatienormen. |
Dit zou onze reputatie als betrouwbare rederij schade toebrengen en leiden tot hogere kosten en een hoger aantal dagen dat het schip niet in gebruik is. De kosten van dringende herstellingen zijn onvoorspelbaar en kunnen zeer hoog oplopen. Wanneer niet voldaan wordt aan de prestatienormen kan de bevrachter weigeren een deel van de huursom te betalen. |
Onze ervaring in de sector en ons beleid en procedures, bijv. voor onderhoud, HSEQ en opleiding, moeten bepaalde risico's die inherent zijn aan onze activiteiten beperken of vermijden. Al onze schepen en uitrusting zijn gedekt door een gepaste verzekering. De HSEQ-vereisten en de risicorapportage worden verder onder de loep genomen door onze schepen in partnership (bv. Seapeak). |
|
| HOGERE BEDRIJFSKOSTEN | |||
| Bedrijfskosten en onderhoudskosten vormen een aanzienlijk deel van onze kosten. |
De bedrijfskosten en droogdokkosten zijn afhankelijk van een groot aantal factoren buiten onze controle waaraan de hele scheepvaartsector onderhevig is. Schepen die in het droogdok liggen, kunnen ook leiden tot een verlies aan inkomsten. |
Proactief intern ship management (scheepsbeheer) en een constante interne en externe controle van onze uitrusting. Ons onderhoudsbeleid wordt dagelijks geactualiseerd en verbeterd om het hoogste kwaliteitsniveau te garanderen. |
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle | |
|---|---|---|---|
| LEEFTIJDSPROFIEL VAN DE VLOOT | |||
| Naarmate een schip veroudert, worden de vereisten strenger, waardoor het schip moeilijker kan concurreren met moderne schepen en het gebruik ervan duurder wordt. Leeftijdsbeperkingen kunnen de inzetmogelijkheden van vaartuigen in bepaalde havens beperken. |
We moeten grote investeringen doen om de operationele capaciteit van onze vloot op peil te houden. Deze uitgaven kunnen sterk variëren en hoger zijn als gevolg van bepaalde vereisten van klanten, normen en regelgeving betreffende concurrentie, of organisatienormen. |
De gemiddelde leeftijd van onze vloot wordt opgevolgd en onze strategie omvat regelmatige investeringen in nieuwe schepen om onze vloot concurrerend te houden. Onze interne ship mana ger en ons commercieel team hebben vele jaren ervaring met het beoordelen van operationele en commerciële prestaties. Al onze schepen zijn gecertificeerd als 'in klasse' door een classificatie maatschappij, wat ook een vereiste is voor dekking door de verzekering. Onze schepen worden dagelijks geïnspecteerd, ofwel op zee ofwel in de haven. Op basis van deze inspecties wordt het per manent onderhoudsplan van elk schip gecreëerd, geactualiseerd en geïmplementeerd. Vooral op de gasmarkten zijn de veiligheid en betrouwbare operaties van het grootste belang, zodat de eisen van onze klanten (olie- en gasmaatschappijen) ons verplichten om schepen in topconditie aan te bie den. Het risico van leeftijdsbeperkingen in havens wordt verminderd door de strenge voorwaarden van chartercontracten en door de bevrachters opgelegde beperkingen van de inzet. Vaak zijn verouderde schepen goedkoper in termen van vrachten en worden zij ingezet op nichemarkten met minder strenge leeftijdsbeperkingen. |
|
| ACTIVA IN AANBOUW | |||
| Specifieke risico's zijn van toepassing op onze activa in aanbouw en omvatten de solvabiliteit van onze aannemer, alsook de tijdige oplevering van het actief in overeenstemming met alle specificaties en het verkrijgen van alle vereiste toelatingen. |
Indien de scheepswerf onze activa in aanbouw niet bouwt of levert, of in geval van het faillissement van de scheepswerf, heeft dit een aanzienlijke impact op onze financiële positie en onze resultaten. Indien de scheepswerf het contract niet uitvoert en wij niet in staat zijn de terugbetalingsgarantie af te dwingen, kunnen wij het geheel of een gedeelte van onze investering verliezen. Bovendien zouden wij onze verplichtingen tegenover de bevrachter niet kunnen nakomen. |
Er worden voorschotten betaald aan de scheeps werven en deze voorschotten worden gedekt door een terugbetalingsgarantie en dus door sterke banken. De voortgang van de bouw en het vol doen aan alle technische en wettelijke specificaties worden nauwlettend gevolgd door onze tech nische/supervisieteams op de scheepswerven. Chartercontracten die gekoppeld zijn aan investe ringen in nieuwbouw worden vaak back-to-back gesloten, wat betekent dat het risico van een te late oplevering van een schip wordt gedekt door bijvoorbeeld geschikte laycan-voorzieningen. |
|
| TEWERKSTELLING | |||
| Schepen of ander drijvend materieel worden niet ingezet gedurende langere periodes of contracten worden niet hernieuwd of worden voortijdig beëindigd. |
Indien we er niet in slagen rendabele contracten op lange termijn aan te gaan voor onze bestaande vloot of onze drijvende activa in aanbouw, dan kan dit een aanzienlijke impact hebben op onze resultaten en kasstromen. We zouden afhankelijk zijn van een kortetermijn of spotmarkt of van contracten gebaseerd op veranderende marktprijzen. Bovendien zou het moeilijker kunnen zijn om financiering te vinden voor dergelijke activa tegen redelijke voorwaarden. Indien onze belangrijkste activa niet op lange termijn worden tewerkgesteld, kunnen onze EBITDA en onze convenanten aanzienlijk worden beïnvloed. |
Ons management- en commercieel team hebben vele jaren ervaring en hebben een uitgebreid netwerk in de markt. Onze contractenportfolio is sterk gediversifieerd. De commerciële strategie bestaat erin om flexibel te blijven in de markt door een goed evenwicht te bewaren tussen contracten op lange en op korte termijn. Een omvangrijke vloot, met name midsize (MGC LPG-tankers), heeft dit risico bijna volledig kunnen ondervangen. Voor de infrastructuurvloot worden passende opzeggingsclausules onderhandeld en opgenomen in langlopende bevrachtingsovereenkomsten, zodat de juridische en commerciële teams bij vroegtijdige opzegging voldoende tijd hebben om een nieuwe bevrachter te vinden tegen redelijke tarieven. |
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle |
|---|---|---|
| REGELGEVING | ||
| Een nieuwe regelgeving zou van kracht kunnen worden, met inbegrip van het risico dat bestaande gun stige belastingregelingen (zoals de Belgische tonnagebelastingregeling) worden teruggedraaid. Er kunnen ook wijzigingen in de milieuwetge ving, met inbegrip van het opleggen van andere vormen van belasting, zoals een koolstofheffing, door over heids- of andere instanties worden doorgevoerd. |
Wijzigingen in het regelgevend kader kunnen eveneens een invloed hebben op onze moge lijkheden om contracten te bekomen voor het gebruik van onze schepen of drijvend materieel en de kosten die we moeten maken om te voldoen aan alle vereisten en wetgeving zouden kunnen stijgen. De naleving van wijzigingen in wetten, regle menten en verplichtingen met betrekking tot de klimaatverandering kan leiden tot hogere kosten voor de exploitatie en het onderhoud van onze schepen en kan vereisen dat wij nieuwe voorzieningen voor emissiebeperking installe ren, emissierechten verwerven of belastingen betalen. Ook het genereren van inkomsten en de strategische groeimogelijkheden kunnen nadelig worden beïnvloed. |
Continue monitoring en anticiperen op veran deringen in de wetgeving en de toepasselijke vereisten. Onze interne scheepsmanager en ons managementteam hebben vele jaren ervaring en een uitgebreid netwerk binnen de sector om bestaande trends en veranderingen te volgen. De regelgeving heeft vaak een lange implemen tatietermijn, zodat wij ruimschoots de tijd heb ben om erop te anticiperen. Een wereldwijd ver anderd wettelijk kader heeft vaak gevolgen voor de volledige marktvloot, zodat de eigenaars met dezelfde veranderingen worden geconfronteerd. Veel veranderingen vallen ook onder de ver antwoordelijkheid van de bevrachter, aangezien periode-/tijdbevrachtingscontracten meestal op industriële markten worden gebruikt zodat de bevrachters verantwoordelijk zijn voor de reis-, brandstof- en havenkosten. |
| KLIMAATVERANDERING | ||
| De klimaatverandering kan een nadelige invloed hebben op onze activiteiten en markten. |
Ongunstige gevolgen van de klimaatverande ring, met inbegrip van een groeiende bezorgd heid bij het publiek over de milieu-impact van de klimaatverandering, kunnen een invloed hebben op de waarde van onze vloot, de vraag naar onze diensten en/of de publieke belangstel ling voor onze aandelen. Bovendien kunnen de gevolgen van de klimaatverandering, waaronder veranderingen in weerpatronen, extreme weers omstandigheden, stijging van de zeespiegel en schaarste van watervoorraden, een negatieve invloed hebben op onze kostenstructuur, onze activiteiten of de activiteiten van dienstverleners waarvan wij afhankelijk zijn, zoals havenin frastructuren. Elk negatief langetermijneffect op de sector kan een aanzienlijk financieel en operationeel negatief effect hebben op onze activiteiten, dat wij op dit ogenblik niet met zekerheid kunnen voorspellen. |
Onze juridische, commerciële en technische teams volgen de regelgeving inzake klimaat verandering en de eraan verbonden eisen en potentiële gevolgen voor onze vloot en onze activiteiten in het algemeen. Het management heeft vele jaren ervaring en een uitgebreid netwerk binnen de sector om de voortdurende veranderingen te volgen. |
| INFORMATIETECHNOLOGIESYSTEMEN | ||
| Informatietechnologiesystemen veranderen snel en zijn van funda menteel belang voor de dagelijkse bedrijfsvoering. |
Het falen van informatietechnologiesystemen of -processen kan een negatieve impact hebben op operaties of kan tot data-inbreuken leiden. Cyberaanvallen, ransomware of andere inbreu ken op de beveiliging kunnen informatietech nologiesystemen onbeschikbaar maken, onze scheepsactiviteiten verstoren en resulteren in huurverlies. |
Een specifiek IT-team houdt voortdurend toe zicht op de veranderingen en blootstellingen in de informatietechnologie. Er zijn verscheidene maatregelen genomen, zoals firewalls, antivirus software, gescheiden netwerken, enz. De risico's in verband met de informatietechnologie wor den regelmatig beoordeeld. Er zijn beleidslijnen en procedures ingevoerd, waaronder een nood herstelplan, een plan voor respons op incidenten |
en een bedrijfscontinuïteitsplan.
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| SNELLE TECHNOLOGISCHE INNOVATIE VAN SCHEEPSONTWERP EN UITRUSTING | |||||||||
| Voor onze activa gelden Activa verouderen of zijn niet meer specifieke risico's dat ontwerpen/ concurrerend in het licht van de marktpraktijk uitrusting verouderd raken door en de evoluerende normen. van technische/technologische vooruitgang en innovatie. |
EXMAR heeft een sterke positie als innovator en is er altijd in geslaagd om nieuwe ontwerpen/ grootten van schepen op de markt te brengen, en wordt beschouwd als pionier in zowel scheepvaartactiviteiten als drijvende oplossingen. Onze wortels in de scheepsbouw, sterke technische expertise, een aparte technische desk en een groot aantal ingenieurs (Houston, Parijs en Antwerpen) voor het ontwerpen/verbeteren van scheepsdesigns zorgen ervoor dat we de beste/eerste in onze klasse zijn. De toenemende focus op ESG zal ons streven naar innovatie en het hanteren van hoge normen verder versterken, waarbij we rekening houden met toekomstige veranderingen in de energiemarkten. |
||||||||
| UITBRAAK VAN EEN PANDEMISCHE ZIEKTE |
Onze zeelieden en de voorraden zijn van cruciaal belang voor onze operaties, een uitbraak van een pandemisch virus (zoals de recente covid 19-pandemie) of een besmettelijke ziekte kan de operaties bemoeilijken.
Een uitbraak van een pandemisch virus in een regio of op wereldschaal zou gevolgen hebben voor onze activiteiten. Lokale of internationale maatregelen, zoals maar niet beperkt tot reisverboden, beperkte of geen haventoegang of quarantainemaatregelen na een dergelijke uitbraak, zouden de bevoorrading van onze drijvende activa kunnen bemoeilijken en het voor de zeelieden moeilijk of zelfs onmogelijk kunnen maken om aan boord te gaan. Dergelijke gebeurtenissen zouden kunnen resulteren in inactiviteit van het actief en een verlies van inkomsten voor het actief of een deel van onze vloot.
Er bestaan specifieke en strikte beleidslijnen en procedures voor een geïsoleerde uitbraak aan boord van een schip en onze mensen zijn specifiek opgeleid om met dergelijke gebeurtenissen om te gaan. Gebeurtenissen en risico's worden voortdurend opgevolgd door onze operationele teams, die ook deelnemen aan plaatselijke en internationale verenigingen en brancheorganisaties om zich aan te passen aan veranderingen in de vereisten, lopende richtlijnen en maatregelen. Onze activiteiten zijn zeer gediversifieerd en onze activa worden op mondiale schaal ingezet, onze zeelieden komen van over heel de wereld en zijn niet afhankelijk van één nationaliteit of specifieke regio. De planning van onze zeelieden is flexibel en contracten kunnen zo nodig worden verlengd indien vervanging niet onmiddellijk mogelijk of beschikbaar is. Er is een bedrijfscontinuïteitsplan beschikbaar om op dergelijke gebeurtenissen te reageren en de maatregelen voorzien in de mogelijkheid om al onze teams aan wal op afstand of zelfs in isolement te laten werken. In het geval dat de activiteiten moeten worden stopgezet, bevatten sommige van onze commerciële overeenkomsten clausules inzake overmacht en in geval van een onderbreking van de activiteiten die een bepaald aantal dagen overschrijdt, dekken onze verzekeringspolissen tijdelijk het verlies van inkomsten.
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle |
|---|---|---|
| TEGENPARTIJRISICO'S | ||
| Afhankelijkheid van een beperkt aantal cliënten: wij ontvangen een aanzienlijk deel van onze inkomsten van een beperkt aantal cliënten. |
Een verslechtering van de financiële situatie van één van onze grote klanten zou leiden tot een aanzienlijk verlies van inkomsten en kasstromen. |
Verplichtingen van klanten in het kader van de langetermijncontracten kunnen worden gedekt door garanties of andere zekerheden. De meeste van onze belangrijke klanten zijn al vele jaren klant van EXMAR. Ons managementteam be schikt over de nodige ervaring en weet hoe het de operaties en de financiële situatie van onze klanten moet beoordelen. Bovendien worden voor de infrastructuurvloot passende opzeggingsclausules onderhandeld en opgenomen in langlopende bevrachtingsover eenkomsten, zodat de juridische en commerciële teams bij vroegtijdige opzegging voldoende tijd hebben om een nieuwe bevrachter te vinden tegen redelijke tarieven. |
| Bevrachters kunnen betalingsachterstand oplopen of failliet gaan. |
In geval van verlies van een klant zou dit een impact hebben op onze inkomsten en onze kasstromen. De kosten om een nieuw contract aan te gaan voor het schip kunnen hoog zijn en de marktvoorwaarden kunnen ongunstig zijn. |
Ons klantenbestand is gediversifieerd en bestaat uit grote bedrijven die actief zijn op de olie- en gasmarkt. Voor nieuwe klanten vindt er een uitvoerig kredietonderzoek plaats en bijkomende zekerheden of garanties worden geëist wanneer dit nodig geacht wordt. De huursom moet in de meeste gevallen vooraf worden betaald, aangezien meestal met periodecontracten wordt gewerkt. |
| Afhankelijkheid van derde dienstverleners. |
Het is mogelijk dat de derde dienstverleners die de onderneming heeft geselecteerd geen dienstenniveau bieden dat vergelijkbaar is met dat van de onderneming indien zij deze dienst rechtstreeks zou verlenen. De onderneming vertrouwt op haar externe dienstverleners om de toepasselijke wetgeving na te leven, en een niet-naleving van dergelijke wetten door deze dienstverleners kan de onderneming blootstellen aan aansprakelijkheid of haar reputatie schaden, en kan een wezenlijk nadelig effect hebben op de reputatie en de activiteiten van de onderneming. |
EXMAR besteedt momenteel bepaalde beheersdiensten van zijn vloot uit aan derde dienstverleners. Ook de interne auditfunctie is momenteel uitbesteed. Er bestaan contractuele overeenkomsten tussen alle betrokken partijen. De contractuele overeenkomsten zijn opgenomen in het contractbeheersysteem en worden periodiek gecontroleerd. Op periodieke basis worden gedetailleerde evaluaties van de leveranciers (met inbegrip van derde dienstverleners) uitgevoerd. |
| Risico's in verband met joint ventures en geassocieerde ondernemingen kunnen een ongunstige invloed hebben op de activiteiten, bedrijfsactiviteiten en bedrijfsresultaten van de onderneming. |
Het is mogelijk dat de standpunten van de andere partner(s) niet overeenstemmen met die van EXMAR, wat een specifieke behandeling van de risico's kan beperken of zelfs verhinderen. De verschillende benaderingen van deze risico's kunnen leiden tot andere gevolgen dan die welke EXMAR zou hebben ondervonden of willen ondervinden, wat een ongunstige invloed kan hebben op de operaties, bedrijfsactiviteiten en bedrijfsresultaten van EXMAR. Een gebrek aan overeenstemming over opera tionele, financiële of commerciële kwesties kan de samenwerking op lange termijn met onze partners in joint ventures en verbonden onder nemingen aantasten. |
EXMAR verleent zijn joint ventures en geassocieerde ondernemingen diensten op het gebied van algemeen beheer, boekhouding, vennootschapsbeheer, toezicht op de werven en scheepsbeheer. Voor deze diensten worden vergoedingen in rekening gebracht op basis van contractuele afspraken tussen alle betrokken partijen. Bovendien heeft EXMAR een langdurige relatie met zijn belangrijkste joint venture partner, Seapeak. |
| Beschrijving van het risico | Potentiële impact | Beperkende factoren en controle |
|---|---|---|
| FINANCIERING | ||
| EXMAR is onderhevig aan beper kingen op kredietovereenkomsten, zoals financiële convenanten en beperkingen voor EXMAR en zijn dochterbedrijven om verdere schulden aan te gaan, dividenden uit te keren, bepaalde investeringen te doen, onderdelen van haar bedrijf te verkopen zonder de toestemming van zijn kredietverstrekkers. |
De bestaande financieringsafspraken voor onze vloot worden gedekt door onze schepen en door garanties van het moederbedrijf, en bevatten beperkingen en andere convenanten die onze activiteiten en financiering zouden kunnen beperken. Elk verzuim kan leiden tot de vervroeging van de vervaldag en de kredietver strekkers zouden een beroep kunnen doen op de garanties. |
Onze kasstromen en onze financiële positie, met inbegrip van de vereisten van de financierings overeenkomsten, worden continu gevolgd. Onze financieringsstrategie streeft naar de diversifi ëring van financieringsmiddelen en de spreiding van de vervaldagen. Er wordt een dialoog onderhouden met verschillende investeerders en financiële partners om een relatie op lange termijn op te bouwen. Per 31 december 2021 zijn alle toepasselijke financiële convenanten van de financieringsovereenkomsten voldaan. |
| Financiering die moet worden verkregen voor activa in aanbouw en bestaande financieringsover eenkomsten dient op de vervaldag geherfinancierd te worden. |
De onmogelijkheid om onze activa in aanbouw en onze bestaande vloot te financieren of te herfi nancieren zou een aanzienlijke impact hebben op onze financiële positie. De financieringsmogelijk heden en de financieringskosten kunnen variëren en afhankelijk zijn van de algemene economische omstandigheden. |
De blootstelling aan rentevoeten en aan wis selkoersen wordt actief beheerd en er zullen verschillende instrumenten gebruikt worden om een gepast deel van de blootstelling te dekken (bv. IRS-contracten). De schommelingen in de reële waarde van indekkingsinstrumenten zijn een niet-gerealiseerde post. |
| RENTEVOETEN EN WISSELKOERSEN | ||
| Een belangrijk deel van onze finan cieringsovereenkomsten heeft een variabele rentevoet. De meeste van onze transacties vinden plaats in USD, maar bepaalde bedrijfskosten worden uitgedrukt in andere valuta (voornamelijk EUR) en een deel van onze financiële schuld is in NOK. |
Een stijging van de rentevoeten op de internationale financiële markten zou een negatieve invloed heb ben op onze resultaten en kasstromen en mogelijk ook op de reële waarde van financiële instrumenten die gebruikt worden als indekking tegen de bloot stelling aan rentevoeten. Een verzwakking van de USD tegenover de EUR zou onze resultaten negatief beïnvloeden. Bijkomende contante waarborgen zouden vereist kunnen zijn. |
De blootstelling aan rentevoeten en aan wis selkoersen wordt actief beheerd en er zullen verschillende instrumenten gebruikt worden om een gepast deel van de blootstelling te dekken (bv. IRS-contracten). De schommelingen in de reële waarde van indekkingsinstrumenten zijn een niet-gerealiseerde niet kas post. |
| WAARDEVERMINDERING | ||
| Negatieve variaties in de reële marktwaarde van onze vloot en ander drijvend materieel. |
Een sterke daling in de reële waarde van onze vloot zou kunnen leiden tot een te boeken bijzonder waardeverminderingsverlies, wat een belangrijke impact zou hebben op onze finan ciële positie en resultaat. De verhouding van de reële waarde van onze vloot tot de uitstaande schuld is een financieel convenant in onze finan cieringsovereenkomsten. Onze activiteiten zijn vaak cyclisch, waardoor op korte termijn schom melingen ontstaan in de reële waarde van onze vloot als geheel. Een sterke daling zou tot een niet-naleving van de voorwaarden van dergelijke overeenkomsten kunnen leiden. |
De waarde van onze vloot wordt continu gevolgd door middel van interne en externe informatie en minstens op elke rapporteringsdatum wordt onze vloot getest op waardevermindering. De testen worden gedaan door de boekwaarde van onze vloot te vergelijken met waarderingen van onafhankelijke scheepsmakelaars en met de netto contante waarde van de verwachte operationele kasstromen. Deze operationele kasstromen zijn gebaseerd op interne informatie en er wordt een gevoeligheidsanalyse uitge voerd op elke veronderstelling. Op basis van de uitgevoerde testen per 31 december 2021 wordt besloten dat de boekwaarde van onze vloot na waardevermindering recupereerbaar is en dat alle financiële convenanten verbonden aan onze financieringsovereenkomsten voldaan zijn. Eerder geboekte waardeverminderingen op de oudere schepen en het vliegtuig werden in 2021 gedeeltelijk teruggeboekt bij hun verkoop en/of |
classificatie als aangehouden voor verkoop.
De financiële verplichtingen en de behoeften aan bedrijfskapitaal kunnen variëren naargelang van een aantal factoren.
Onze kasgenererende activiteiten kunnen cyclisch en afhankelijk van marktsituaties zijn, terwijl onze uitgaande geldstroom betrekking kan hebben op operationele, investerings- of financiële activiteiten. Elke tekortkoming in het nakomen van onze financiële verplichtingen kan materiële gevolgen hebben voor onze activiteiten en kunnen gevallen van verzuim uitlokken onder bepaalde overeenkomsten.
Beschrijving van het risico Potentiële impact Beperkende factoren en controle
De liquiditeit wordt op regelmatige basis beheerd om te garanderen dat voldoende middelen beschikbaar zijn om te kunnen voldoen aan de financiële verplichtingen wanneer ze verschuldigd zijn onder normale en moeilijke omstandigheden. Een prognose van de maandelijke kasstroom voor minstens de 12 komende maanden wordt opgemaakt en gemonitord per segment en is gebaseerd op onze gekende contractuele rechten & verplichtingen en maakt gebruik van ramingen of veronderstellingen waar nodig. Onze bronnen van bedrijfsinkomsten en onze financieringsbronnen zijn gediversifieerd. Betalingen met betrekking tot investeringsactiviteiten en onze looptijd van banken en andere leningen zijn tevens verspreid over meerdere jaren.


Het Remuneratieverslag beschrijft de toepassing van de principes die EXMAR hanteert voor de remuneratie van zijn bestuurders en de leden van haar Uitvoerend Comité. Het is opgesteld in overeenstemming met de bepalingen van de op 28 april 2020 door het Belgisch Parlement goedgekeurde en op 6 mei 2020 gepubliceerde wet voor de omzetting van de tweede richtlijn inzake aandeelhoudersrechten (SRDII), het Belgische Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV) en de Belgische Corporate Governance Code 2020 (Code 2020).
Het Remuneratiebeleid is goedgekeurd door de Raad van Bestuur op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité, waarvan de rollen en verantwoordelijkheden worden uiteengezet in het Corporate Governance Charter van EXMAR. Dit beleid, in lijn met de nieuwe bepalingen van de SRDII, het WVV en de Code 2020, werd goedgekeurd door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 18 mei 2021.
EXMAR streeft naar een remuneratie waarmee het bekwame professionals voor de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Comité die nodig zijn om de operationele en strategische doelstellingen van de Vennootschap te bereiken en waardecreatie op lange termijn te bevorderen, kan aantrekken, motiveren, belonen en behouden.
EXMAR tracht te verzekeren dat de leden van de Raad van Bestuur en van het Uitvoerend Comité niet in hun eigen belang zullen handelen en/of geen risico's zullen nemen die niet zouden passen in de strategie en het risicoprofiel van de Vennootschap.
De remuneratie van de niet-uitvoerende bestuurders wordt door de Algemene Aandeelhoudersvergadering beslist op voorstel van de Raad van Bestuur. Dit voorstel is gebaseerd op de aanbevelingen van het Benoemings- en Remuneratiecomité.
De remuneratie van de niet-uitvoerende bestuurders houdt rekening met hun verantwoordelijkheden, hun rol als lid van de Raad, hun werklast en specifieke rollen zoals voorzitter van de Raad of voorzitter of lid van comités van de Raad.
Alle niet-uitvoerende bestuurders ontvangen een vaste jaarlijkse vergoeding van EUR 50.000. Er worden geen zitpenningen uitgekeerd. De leden van het Audit- en Risicocomité en/of het Benoemings- en Remuneratiecomité ontvangen een bijkomende vaste vergoeding van EUR 10.000. De jaarlijkse betalingen zijn pro rata het aantal tijdens het kalenderjaar als actief lid van de Raad van Bestuur of van een comité gediende maanden.
De jaarlijkse vaste vergoeding van de voorzitter van de Raad van Bestuur en de voorzitter van elk comité is vanwege hun rollen en verantwoordelijkheden het dubbele van de vergoeding van de andere leden van de Raad of de comités, met uitzondering van het Benoemings- en Remuneratiecomité. De Vennootschap zorgt voor de gebruikelijke verzekeringspolissen die de activiteiten van de Raad van Bestuur dekken in de uitvoering van zijn taken op het niveau van de groep.
De niet-uitvoerende bestuurders ontvangen geen op prestaties gebaseerde remuneratie en geen voordelen in natura in verband met pensioenplannen.
In afwijking van bepaling 7.6 van de Code 2020 ontvangen de niet-uitvoerende bestuurders geen deel van hun remuneratie in de vorm van aandelen van de Vennootschap. EXMAR meent dat de toekenning van remuneratie (geheel of gedeeltelijk) in de vorm van aandelen er niet noodzakelijk zou toe bijdragen dat de bestuurders uit een perspectief van de aandeelhouderswaarde op lange termijn en het risicoprofiel van de Vennootschap zouden handelen. De Vennootschap zal dit met regelmatige intervallen heroverwegen.
De Algemene Aandeelhoudersvergadering stelt de bestuurders aan en keurt de duur van hun mandaat voor een maximale termijn van 3 jaar goed. Zij kunnen geen aanspraak maken op opzeggingstermijnen of ontslagvergoedingen wegens de beëindiging van hun mandaat. Zij kunnen op elk ogenblik door de Algemene Vergadering worden ontslagen.
De uitvoerende bestuurders van EXMAR die lid zijn van het Uitvoerend Comité worden uitsluitend vergoed in hun uitvoerende hoedanigheid en niet in hun hoedanigheid van bestuurder/lid van de Raad van Bestuur. Dit geldt ook voor het lidmaatschap van de Raad van Bestuur van dochterondernemingen. Indien uitvoerende bestuurders voor hun rol in dochterondernemingen worden vergoed, maakt die vergoeding deel uit van hun overeengekomen totale pakket.
| Vaste remuneratie |
Audit- en Risicocomité remuneratie |
Benoemings en Remune ratiecomité remuneratie |
Totaal | ||
|---|---|---|---|---|---|
| Nicolas Saverys | Voorzitter | 100.000 | 100.000 | ||
| FMO BV (Francis Mottrie) | CEO | - | 0 | ||
| JALCOS NV (Ludwig Criel) tot 1/7/2021 | niet-uitvoerend bestuurder | 25.000 | 10.000 | 5.000 | 40.000 |
| ACACIA I BV (Els Verbraecken) vanaf 09/09/2021 | niet-uitvoerend bestuurder | 15.616 | 3.123 | 3.123 | 21.863 |
| Maryam Ayati vanaf 09/09/2021 | niet-uitvoerend bestuurder | 15.616 | 15.616 | ||
| Michel Delbaere | niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 10.000 | 60.000 | |
| Isabelle Vleurinck | niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 10.000 | 10.000 | 70.000 |
| Wouter De Geest | niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 10.000 | 60.000 | |
| Baron Philippe Vlerick | niet-uitvoerend bestuurder | 50.000 | 13.164 | 63.164 | |
| Pauline Saverys tot 18/05/2021 | niet-uitvoerend bestuurder | 18.923 | 18.923 | ||
| Stephanie Saverys vanaf 18/05/2021 | niet-uitvoerend bestuurder | 31.077 | 31.077 | ||
| Barbara Saverys tot 27/07/2021 | niet-uitvoerend bestuurder | 28.699 | 28.699 | ||
| Carl-Antoine Saverys vanaf 18/05/2021 | uitvoerend bestuurder | 31.077 | 31.077 | ||
| Ariane Saverys tot 18/05/2021 | niet-uitvoerend bestuurder | 18.923 | 18.923 | ||
| Totaal | 484.931 | 46.288 | 28.123 | 559.342 |
In lijn met de algemene beloningsprincipes van EXMAR is de remuneratie van de leden van het Uitvoerend Comité afhankelijk van de prestaties van de Vennootschap en de individuele vaardigheden en prestaties. Het remuneratiepakket bestaat uit drie elementen:
Het niveau en de structuur van de vergoedingspakketten liggen in lijn met de marktpraktijken voor soortgelijke functies in vergelijkbare vennootschappen.
| Naam vennoot schap |
Vaste remune ratie |
KTI | LTI | Pensioen voordeel |
Andere ver zekeringen* |
Andere voordelen** |
Totaal | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| NICOLAS SAVERYS (SAVEREX NV) | |||||||||
| Nicolas Saverys SAVEREX NV |
855.535 | - | - | 40.169 | 2.387 | 8.877 | 906.968 | ||
| 94% | 0% | 0% | 4% | 0% | 1% | 100% | |||
| CEO | |||||||||
| Francis Mottrie | CEO | FMO BV | 575.000 | - | - | - | - | - | 575.000 |
| 100% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% | 100% |
* Hospitalisatieverzekering, reisverzekering
** Auto, mobiele telefoon en maaltijdcheques
| Naam vennoot schap |
Vaste remune ratie |
KTI | LTI | Pensioen voordeel |
Andere ver zekeringen* |
Andere voordelen** |
Totaal | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| ANDERE LEDEN VAN HET UITVOEREND COMITÉ | |||||||||
| Patrick De Brabandere | CFO tot en met 30/06/2021 |
Zelfstandige | 254.940 | - | - | 25.953 | 5.720 | 8.559 | 295.172 |
| 86% | 0% | 0% | 9% | 2% | 3% | 100% | |||
| Christine Verhaert | CFO vanaf 01/07/2021 | FINMORE BV | 210.000 | - | - | - | - | - | 210.000 |
| 100% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% | 100% | |||
| Jens Ismar | Managing Director Shipping |
LISANN AS (Noorwegen) |
575.040 | - | - | - | - | - | 575.040 |
| 100% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% | 100% | |||
| Jonathan Raes | Managing Director Infrastructure |
FLX Consult ancy BV |
275.000 | - | - | - | - | - | 275.000 |
| 100% | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% | 100% |
* Hospitalisatieverzekering, reisverzekering
** Auto, mobiele telefoon en maaltijdcheques

De vaste jaarlijkse remuneratie omvat een vaste jaarlijkse remuneratiebasis die rekening houdt met de verantwoordelijkheden, vaardigheden, ervaring en prestaties van het lid van het Uitvoerend Comité. Andere voordelen, zoals medische zorg, ziekteverzekering, dekking voor overlijden en arbeidsongeschiktheid en andere voordelen worden eveneens verstrekt volgens de marktpraktijken aan de leden van het Uitvoerend Comité met het statuut van zelfstandige of werknemer.
De vaste jaarlijkse remuneratie wordt jaarlijks herzien en kan stijgen of dalen afhankelijk van verscheidene factoren, zoals een wijziging in de scope en verantwoordelijkheden of de vergelijkbare remuneratie in andere vennootschappen.
Het totale pakket voor kaderleden met het statuut van zelfstandige weerspiegelt de totale kosten voor de Vennootschap, waarbij de persoon zelf verantwoordelijk is voor de betaling van de belastingen en sociale zekerheidsbijdragen.
De variabele remuneratie op korte termijn is een nietuitgestelde incentive op basis van het bereiken van een specifieke individuele prestatie (voor 25%) en van de prestatiedoelen van de Vennootschap (voor 75%), financiële doelen (zoals gecorrigeerde EBIT, REBITDA, netto inkomsten,… en/of niet-financiële doelen in een referentieperiode van één jaar. Elk criterium wordt ontwikkeld en en op jaarbasis gewogen in lijn met de strategie, de begroting en de streefdoelen, met duidelijke prestatie-indicatoren. Prestaties boven het streefdoel (100%) resulteren in een variabele remuneratie op korte termijn. De maximum KTI is beperkt tot 30% van de vaste jaarlijkse remuneratie voor de CEO en 25% voor de andere leden van het Uitvoerend Comité. In geval van een ernstig milieuprobleem of indien het nettoresultaat van de Vennootschap negatief is, worden alle KTI-bedragen tot nul herleid (gateway tot KTI). Betaling van de KTI is afhankelijk van de tewerkstelling tot aan de betalingsdatum.
Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité kan de Raad van Bestuur een mogelijke discretionaire KTI goedkeuren aan één of meer uitvoerende bestuurders of managers in geval van buitengewone omstandigheden of uitzonderlijke prestatie, boven de niveaus vermeld in de voorgaande paragraaf.
Voor 2021 werd geen variabele remuneratie op korte termijn toegekend.
Door middel van de langetermijnvergoeding stuurt EXMAR aan op duurzame economische waardecreatie. De LTI bestaat uit een uitgestelde cash of op aandelen gebaseerde vergoeding op basis van het bereiken van prestatiedoelen (zoals verder gedefinieerd) voor de eerste referentieperiode (2021-2023). Het streefdoel voor de incentive op lange termijn wordt ook uitgedrukt als een percentage van de jaarlijkse vaste remuneratie en wordt periodiek herzien. Op het doelniveau komen de incentives op lange termijn overeen met 20% van de vaste jaarlijkse remuneratie voor de CEO en 15% van de jaarlijkse remuneratie voor de andere leden van het uitvoerend management. De cumulatieve lange-termijn variabele incentive over de referentieperiode van drie jaar bedraagt maximaal 50% van de vaste jaarlijkse remuneratie voor de CEO en 40% voor de andere leden van het uitvoerend management.
Het niveau van de LTI is gebaseerd op volgende financiële criteria:
• Het verschil van de nettovermogenswaarde van de Vennootschap berekend op 31 december en de marktkapitalisatie van de Vennootschap op dezelfde datum, waarbij elke jaarlijkse meting met 1/3 van de vergoeding overeenkomt. De prestatie tussen de voorafbepaalde drempel en het streefdoel wordt gemeten en vergoed op basis van een lineaire schaal.
Het verworven bedrag wordt uitbetaald in cash of in aandelen (aan de gemiddelde aandelenkoers van de 30 dagen die de datum van verwerving voorafgaan) naargelang de keuze van de Raad van Bestuur op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité na afloop van de 3-jarige referentieperiode, op voorwaarde dat de begunstigde op de dag van betaling nog in dienst is.
In afwijking van bepaling 7.9 van de Code 2020 bepaalt de Raad van Bestuur geen expliciete minimumdrempel van aandelen van EXMAR die aangehouden moeten worden door de leden van het Uitvoerend Comité. EXMAR meent dat het met zijn huidige remuneratiebeleid een duidelijk verband legt met de lange-termijn strategie en prestaties van de Vennootschap.
Het Benoemings- en Remuneratiecomité heeft de haalbaarheid overwogen van terugvorderings- en malusvoorwaarden in zijn variabele betaalplannen. Gelet op de onzekerheid over de geldigheid en het nut van terugvorderingsclausules onder Belgisch recht, heeft EXMAR momenteel geen terugvorderingsbepalingen voor prestatiebonden betalingen, behalve in het geval van fraude of wangedrag. Indien een variabele remuneratie zou worden betaald op basis van onjuiste financiële gegevens, kan die misrekening worden gecompenseerd door een terugbetaling of door een inhouding op de betaling van de toekomstige variabele remuneratie.
De leden van het Uitvoerend Comité en de uitvoerende bestuurders hebben een formele overeenkomst afgesloten met de Vennootschap. Deze zijn voor onbepaalde duur, met opzegtermijnen die de 12 maanden vaste remuneratie niet overschrijden. Leden van het Uitvoerend Comité die een managementovereenkomst hebben met de Vennootschap dienen hun pensioenplan te financieren door hun managementvennootschap. Zij die zelfstandige zijn hebben ingetekend op het plan met vaste bijdragen van de Vennootschap.
De Raad van Bestuur, op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité, en de CFO, dhr. Patrick De Brabandere, kwamen in onderling overleg overeen om de samenwerking met dhr. De Brabandere met ingang van 1 juli 2021 te beëindigen.
De verhouding tussen de hoogste remuneratie (CEO) en de laagste remuneratie (voltijds equivalent) is een factor 11,93. Laagst betaalde werknemer is gedefinieerd als een voltijds werknemer in België die het laagste basissalaris heeft op het jaareinde. Er is rekening gehouden met de actuele totale remuneratie in de berekening van de verhouding. De verhouding tussen de hoogste remuneratie (CEO) en de gemiddelde remuneratie is een factor 6,44. De gemiddelde remuneratie van de werknemers houdt rekening met de totale actuele lonen op jaareinde basis voltijds equivalent, gedeeld door het aantal voltijdse equivalenten op jaareinde.
Het belangrijkste verschil in remuneratiebeleid tussen het executive management en de werknemers in het algemeen is de balans tussen vaste en prestatiegerelateerde remuneratie zoals KTI en LTI. Over het algemeen is de impact van prestatiegebonden remuneratie, en in het bijzonder de lange-termijn variabele incentive, groter voor leden van het uitvoerende management. Dit weerspiegelt dat de uitvoerende managers meer vrijheid van handelen hebben en dat de gevolgen van hun beslissingen normaal gezien een breder en meer verregaand effect in de tijd hebben.
| 2017 | % var. | 2018 | % var. | 2019 | % var. | 2020 | % var. | 2021 | % var. | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Globale remuneratie Raad van Bestuur en Uitvoerend Comité | ||||||||||
| Globale remuneratie Raad van Bestuur (1) (2) (in duizenden EUR) |
580 | -9% | 580 | 0% | 650 | 12% | 600 | -8% | 580 | -3% |
| Globale remuneratie van de CEO (3) (4) (in duizenden EUR) |
1.937 | 87% | 2.097 | 8% | 998 | -52% | 1.876 | 88% | 575 | -69% |
| Globale remuneratie van de andere leden van het Uitvoerend Comité (4) (in duizenden EUR) |
3.409 | 23% | 2.991 | -12% | 2.493 | -17% | 1.530 | -39% | 1.355 | -11% |
| Financiële prestaties van de Vennootschap | ||||||||||
| Nettoresultaat voor de periode (in duizenden USD) |
27.952 | -31% | -16.070 | -157% | -13.202 | -18% | 91.960 | -797% | 11.635 | -87% |
| EBITDA voor de periode (5) (in duizenden USD) |
141.393 | 21% | 67.371 | -52% | 100.915 | 50% | 239.855 | 138% | 113.486 | -53% |
| Gecorrigeerde EBITDA voor de periode (5) (in duizenden USD) |
44.693 | -52% | 36.471 | -18% | 80.400 | 120% | 77.655 | -3% | 56.185 | 28% |
| EBIT voor de periode (5) (in duizenden USD) |
70.040 | 0% | 22.017 | -69% | 34.377 | 56% | 137.646 | 300% | 36.975 | -73% |
| Netto financiële schulden/ gecorrigeerde EBITDA (5) |
11,30 | 88% | 15,32 | 36% | 7,01 | -54% | 6,28 | -10% | 8.76 | 39% |
| Gemiddelde remuneratie (6) (in duizenden EUR) |
96 | 5% | 99 | 3% | 100 | 1% | 98 | -2% | 89 | -8% |
(1) met inbegrip van Audit- en Risicocomité en Benoemings- en Remuneratiecomité
(2) per jaar om een zinvolle vergelijking te bekomen
(3) met inbegrip van de remuneratie van de uitvoerend voorzitter en deputy CEO in 2020
(4) met uitsluiting van toegekende aandelenopties
(5) volgens proportionele consolidatie methode
(6) totale kost voor de vennootschap, rekening houdend met de actuele lonen op jaareinde op basis van voltijds equivalent, gedeeld door het aantal voltijds equivalenten op jaareinde
De leden van de Uitvoerend Comité behoren tot de begunstigden van de aandelenoptieplannen die de Raad van Bestuur heeft goedgekeurd. Op aanbeveling van het Benoemings- en Remuneratiecomité heeft de Raad van Bestuur beslist om voor het jaar 2021 geen aandelenopties toe te kennen.
| BELANGRIJKSTE KENMERKEN VAN HET PLAN | WIJZIGINGEN OVER 2021 | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Naam van het plan |
Datum van aanbod |
Datum van toekenning |
Datum definitieve verwerving |
Einde uitoefen periode |
Aantal toege kende opties |
Uitoe fenprijs (in €) |
Aantal opties in het begin van het jaar |
Verbeurd/ vervallen |
Uitge oefend |
Aantal opties aan het einde van het jaar |
| Nicolas Saverys - Executive Chairman | ||||||||||
| EXMAR TR8: 3/12/2013 10,54 EUR 2013-2021 |
03/12/2013 | 31/01/2014 | 01/01/2017 | 02/12/2021 | 60.000 | 10,54 | 60.000 | 60.000 | 0 | 0 |
| EXMAR TR9: 9/12/2014 10,54 EUR 2014-2022 |
09/12/2014 | 06/02/2015 | 01/01/2018 | 08/12/2022 | 60.000 | 10,54 | 60.000 | 0 | 0 | 60.000 |
| EXMAR TR10: 17/12/2015 9,62 EUR 2015-2023 |
17/12/2015 | 15/02/2016 | 01/01/2019 | 16/12/2023 | 60.000 | 9,62 | 60.000 | 0 | 0 | 60.000 |
| TOTAAL | 180.000 | 60.000 | 0 | 120.000 | ||||||
| Patrick De Brabandere - CFO tot en met 30/06/2021 | ||||||||||
| EXMAR TR8: 3/12/2013 10,54 EUR 2013-2021 |
03/12/2013 | 31/01/2014 | 01/01/2017 | 02/12/2021 | 40.000 | 10,54 | 40.000 | 40.000 | 0 | 0 |
| EXMAR TR9: 9/12/2014 10,54 EUR 2014-2022 |
09/12/2014 | 06/02/2015 | 01/01/2018 | 08/12/2022 | 40.000 | 10,54 | 40.000 | 0 | 0 | 40.000 |
| EXMAR TR10: 17/12/2015 9,62 EUR 2015-2023 |
17/12/2015 | 15/02/2016 | 01/01/2019 | 16/12/2023 | 40.000 | 9,62 | 40.000 | 0 | 0 | 40.000 |
| TOTAAL | 120.000 | 40.000 | 0 | 80.000 | ||||||
| Jonathan Raes - Executive Director Infrastructure | ||||||||||
| EXMAR TR8: 3/12/2013 10,54 EUR 2013-2021 |
03/12/2013 | 31/01/2014 | 01/01/2017 | 02/12/2021 | 2.500 | 10,54 | 2.500 | 2.500 | 0 | 0 |
| TOTAAL | 2.500 | 2.500 | 0 | 0 |

5.1 JAARVERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR AAN DE AANDEELHOUDERS 107
5.2 GECONSOLIDEERDE JAARREKENING 113 5.3 STATUTAIRE JAARREKENING 188
De Raad van Bestuur legt u het gecombineerde jaarverslag over de enkelvoudige en geconsolideerde jaarrekeningen van EXMAR NV (de "Vennootschap") per 31 december 2021 voor ter goedkeuring, overeenkomstig de artikelen 3:6 en 3:32 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen ("WVV").
De Vennootschap is verplicht haar jaarrekening te publiceren volgens de bepalingen van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007 betreffende de verplichtingen van emittenten van financiële instrumenten die zijn toegelaten tot verhandeling op de Belgische gereglementeerde markt.
De elementen die krachtens het WVV en voormeld KB van toepassing zijn op de Vennootschap, worden behandeld in dit verslag en in de Corporate Governance Verklaring. Dit jaarverslag dient aldus samen met EXMARs verslag over 2021 gelezen te worden.
Op het moment dat dit jaarverslag wordt geschreven, brengt het escalerende conflict in Oekraïne reeds grote onzekerheid met zich mee voor het jaar 2022 niet alleen op menselijk vlak, maar ook wat betreft de stabiliteit op de wereldwijde energiemarkt. In deze context blijft EXMAR toegewijd om zijn rol te spelen in de energiewaardeketen, met zijn drijvende oplossingen voor de export en import van gas. De mogelijke impact op de activiteiten van EXMAR wordt dagelijks opgevolgd. Volledigheidshalve bevestigen wij dat geen van onze schepen actief is in risico zones of onder contract ligt met partijen onderhevig aan internationale sancties gekoppeld aan dit conflict. Tevens wordt alles in het werk gesteld om de logistieke uitdagingen op een menselijke manier in goede banen te leiden, zowel aan boord als aan wal.
De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld volgens International Financial Reporting Standards (IFRS).
De onderstaande bespreking is gebaseerd op de volgens IFRS opgestelde geconsolideerde jaarrekening, waarbij de joint ventures worden opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode.
De EXMAR Groep heeft in 2021 een geconsolideerd resultaat gerealiseerd van USD 11,6 miljoen (USD 92,0 miljoen in 2020).
De opbrengsten daalden in 2021 aanzienlijk, hoofdzakelijk omdat 2020 de schikkingsvergoeding van YPF (USD 149,1 miljoen) met betrekking tot de TANGO FLNG, die in 2021 geen tewerkstelling had, bevatte, alsook opzegvergoedingen van USD 13,0 miljoen met betrekking tot de scheepsbeheerovereenkomsten met Excelerate Energy, gedeeltelijk gecompenseerd door de opzegvergoeding naar aanleiding van de vervroegde beëindiging van de charterovereenkomst van FSRU S188 door Gunvor in april 2021 en de tewerkstelling van de twee nieuwe VLGC's tijdens de tweede helft van 2021.
In het algemeen verminderden de bedrijfskosten omwille van het feit dat beide LNG-platformen geen tewerkstelling hadden gedurende het grootste deel van het jaar en lagere afschrijvingskosten (in 2020 werd een eenmalige afschrijvingskost geboekt voor aan het YPF contract gerelateerde kosten), behalve voor de waardeverminderingsverliezen aangezien in 2021 een waardevermindering van USD 19,0 miljoen werd geboekt op de FSRU S188 na de stopzetting van de tewerkstelling ervan.
Het netto financieel resultaat voor 2021 verbeterde dankzij lagere intrestkosten en de gunstige evolutie van wisselkoerswinsten door de verzwakking van de EUR en NOK ten aanzien van de USD.
Het aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen en joint ventures steeg van een verlies van USD -17,8 miljoen naar een winst van USD 21,8 miljoen in 2021: in 2020 werd een waardeverminderingsverlies van USD 30,5 miljoen opgenomen voor een aantal oudere schepen, terwijl in 2021 een waardevermindering werd teruggenomen voor een bedrag van USD 3,2 miljoen naar aanleiding van de (geplande) verkoop van drie schepen.
De schepen en platformen bedroegen USD 648,4 miljoen eind 2021, of een stijging van USD 87,0 miljoen, wat het gecombineerd effect is van de aankoop van de twee nieuwe VLGC's (totale investering van USD 162,8 miljoen waarvan USD 33,2 miljoen voorafbetaald in 2020), voor USD 129,6 miljoen, gekapitaliseerde droogdokkosten (USD 5,7 miljoen), gedeeltelijk gecompenseerd door USD 29,3 miljoen afschrijvingen en USD 19,0 miljoen waardeverminderingsverlies geregistreerd op FSRU S188.
De lange termijn vorderingen ten belope van USD 24,4 miljoen in 2020 bevatten het deel van de YPF schikkingsvergoeding verschuldigd in 2022.
De investeringen in de geassocieerde ondernemingen en joint ventures namen toe met USD 21,4 miljoen tot USD 94,7 miljoen eind 2021, voornamelijk als gevolg van ons aandeel in het netto-resultaat van deze joint ventures en geassocieerde ondernemingen.
De leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures (zowel lange als korte termijn) bedroegen USD 32,3 miljoen eind 2021 en omvatten de aandeelhoudersleningen aan onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures. In 2021 betaalde EXMAR LPG USD 10,0 miljoen terug. Per 31 december 2021 werd USD 15,4 miljoen geclassificeerd onder de korte termijn vorderingen, waarvan USD 7,5 miljoen werd ontvangen begin 2022.
Vaste activa aangehouden voor verkoop omvatten het vliegtuig waarvoor een bindend bod werd ontvangen waardoor USD 2,5 miljoen aan voorheen geboekte waardeverminderingen werden teruggenomen.
De afname van de huidige handels- en overige vorderingen van USD 52,5 miljoen is toe te schrijven aan de betaling van USD 85,3 miljoen van de schikkingsvergoeding door YPF, gedeeltelijk gecompenseerd door de herclassificatie van USD 24,4 miljoen van lange naar korte termijn, in overeenstemming met het met YPF overeengekomen betalingsschema. Bijgevolg bedroeg het openstaand saldo van de vorderingen USD 55,2 miljoen eind 2021.
De totale kaspositie op 31 december 2021 bedroeg USD 147,3 miljoen (2020: USD 103,8 miljoen). De geblokkeerde kasequivalenten hebben betrekking op de kredietfaciliteit met Bank of China voor de TANGO FLNG ("Debt service reserve account") en bedroegen USD 76,1 miljoen (2020: USD 75,6 miljoen).
Het eigen vermogen bedroeg USD 536,5 miljoen eind 2021, of een afname met USD 9,4 miljoen, door de betaling van USD 20,8 miljoen dividenden, gedeeltelijk gecompenseerd door USD 11,6 miljoen winst van het boekjaar.
De financiële schulden (lange en korte termijn) bedroegen per eind 2021 USD 424,8 miljoen (2020: USD 341,6 miljoen). Deze toename is voornamelijk het gevolg van de nieuwe financiering van de twee VLGC's (USD 144,0 miljoen), gedeeltelijk gecompenseerd door USD 64,1 miljoen aan terugbetalingen van leningen.
Handels- en overige schulden bedroegen USD 37,2 miljoen eind 2021 en bleven stabiel in vergelijking met 2020.
De enkelvoudige jaarrekening werd opgesteld volgens Belgische boekhoudwetgeving en de boekhoudkundige principes werden consistent toegepast. Deze jaarrekening wordt voor goedkeuring voorgelegd aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op 17 mei 2022.
De onderstaande bespreking betreft de belangrijkste rubrieken van de enkelvoudige jaarrekening:
Het operationeel resultaat bedroeg USD -4,5 miljoen (2020: USD -6,6 miljoen).
Het netto financieel resultaat steeg van USD -77,4 miljoen in 2020 naar USD -23,9 miljoen in 2021: in 2020 werden USD 86,5 miljoen waardeverminderingsverliezen op intragroeps-aandeelhoudersleningen geboekt. In 2021 werd een bedrag van USD 43,1 miljoen aan bijkomende waardeverminderingsverliezen opgenomen op zulke intragroepsleningen, waarvan USD 8,7 miljoen via een provisie voor financiële garanties.
Het statutaire resultaat voor het boekjaar is een verlies van USD -28,6 miljoen in 2021, tegenover USD -84,0 miljoen in 2020.
Op het einde van 2021 bedroegen de totale activa USD 675,1 miljoen (2020: USD 708,1 miljoen), waarvan USD 541,7 miljoen financiële vaste activa (USD 608,9 miljoen in 2020).
Het eigen vermogen bedroeg USD 564,2 miljoen (2020: USD 598,2 miljoen), een afname met het resultaat van het jaar van USD 28,6 miljoen en de voorgestelde dividenduitkering van USD 5,4 miljoen.
De voorzieningen stegen met USD 9,5 miljoen voornamelijk door een provisie voor financiële garanties gegeven aan intragroepsvennootschappen (USD 8,7 miljoen – zie hoger).
De schulden bedragen USD 101,0 miljoen eind 2021 vergeleken met USD 109,6 miljoen eind 2020.
De Raad van Bestuur van EXMAR zal aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 17 mei 2022 voorstellen om een bruto dividend van EUR 0,08 per aandeel uit te keren en het resultaat van het jaar als volgt te bestemmen:
| Overgedragen winst: | USD | 221.081.116,78 |
|---|---|---|
| Verlies van het boekjaar: | USD | -28.633.986,45 |
| Toevoeging aan de overige reserves: | USD | -3.387.143,69 |
| TE BESTEMMEN RESULTAAT: | USD | 189.059.987,64 |
| Uit te keren dividend | USD | 5.391.176,00 |
Zoals beschreven in de Corporate Governance Verklaring.
Zoals beschreven in hoofdstuk 3.1 ESG van het EXMAR 2021 verslag.
Beschreven in hoofdstuk 3.1 ESG van het EXMAR 2021 verslag.
Per 31 december 2021 stelde EXMAR wereldwijd 1.849 personen te werk, onder wie 1.615 zeevarenden (2020: 2.049, onder wie 1.844 zeevarenden).
Een belangrijk deel van de zeevarenden is tewerkgesteld op activa van of uitgebaat door onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures, en de gerelateerde kost is niet opgenomen in de geconsolideerde personeels- of bemanningskosten van EXMAR maar is weergegeven in de operationele kosten van onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures.
Er zijn het afgelopen jaar geen transacties geweest in eigen aandelen. We verwijzen de Corporate Governance Verklaring.
Per 31 december 2021 had EXMAR 2.273.263 eigen aandelen, wat overeenkomt met 3,82% van het totale aantal uitgegeven aandelen.
De waarderingsgrondslagen toegepast bij het afsluiten van de statutaire jaarrekening verschillen niet van de waarderingsgrondslagen die in het voorgaande boekjaar werden toegepast. De samenvatting van de waarderingsgrondslagen wordt aan de statutaire jaarrekening gehecht. Voor de geconsolideerde financiële staten verwijzen we naar de sectie waarderingsregels van de geconsolideerde jaarrekening.
Zoals beschreven in de Corporate Governance Verklaring.
EXMAR NV heeft geen bijkantoren.
De Raad van Bestuur heeft tot op heden tien maal (10 plannen) beslist een aantal werknemers van de EXMAR Groep opties op bestaande aandelen aan te bieden.
Per 31 december 2021 zijn nog slechts twee plannen niet verlopen (we verwijzen eveneens naar Toelichting 25 Aandelenopties van de geconsolideerde jaarrekening):
De Commissaris, of ondernemingen of personen gerelateerd aan de Commissaris, heeft tijdens het voorbije boekjaar werkzaamheden verricht inzake audit-gerelateerde diensten en heeft beperkte taks werkzaamheden verricht voor de Groep. De niet-audit vergoeding bedroeg niet meer dan de audit vergoeding van de Groep.
De langetermijnvisie die eigen is aan de activiteit van EX-MAR gaat gepaard met langlopende financieringen, en dus ook met een blootstelling aan variabele rentevoeten. EXMAR beheert deze blootstelling op een actieve manier en indien nodig door middel van diverse instrumenten ter afdekking van stijgende rentevoeten voor een deel van haar schuldportefeuille. Het wisselkoersrisico van de Groep wordt historisch gezien grotendeels beïnvloed door de EUR/USD verhouding voor het bemannen van de vloot, betalen van salarissen en andere personeel gerelateerde kosten. Op 31 december 2021 had de Vennootschap geen financiële instrumenten in voege om de EUR/USD verhouding te dekken.
EXMAR Netherlands BV sloot in 2019 een niet-gegarandeerde obligatielening van NOK 650 miljoen af. Om het wisselkoersrisico onder controle te houden, maakt de Groep gebruik van diverse koersafdekkingsinstrumenten wanneer noodzakelijk geacht. Per 31 december 2021 kocht de Vennootschap NOK 240,0 miljoen forward contracten voor USD 26,3 miljoen, wat resulteerde in een reële waarde winst van USD 0,9 miljoen (die buiten balans werden geregistreerd in de Belgische statutaire jaarrekening).
| Plan 9 | Plan 10 | |
|---|---|---|
| Datum aanbod: | 2 december 2014 | 4 december 2015 |
| Aantal uitstaande opties: | 336.100 | 333.250 |
| Uitoefenperiode: | Tussen 1 januari 2018 en | Tussen 1 januari 2019 |
| 2 december 2022 | en 3 december 2023 | |
| Uitoefenprijs in EUR: | 10,54 | 9,62 |
Er waren geen belangenconflicten op het niveau van de Raad van Bestuur.
We verwijzen naar Toelichting 36 bij de geconsolideerde jaarrekening.
De twee nieuwbouw dual-fuel VLGC's, FLANDERS INNOVATION en FLANDERS PIONEER werden respectievelijk in juni en september 2021 opgeleverd en kort daarna startte hun lange termijn bevrachtingsovereenkomst met Equinor ASA uit Noorwegen. Met hun grote capaciteit en de motoren met dubbele brandstofinjectie, vertegenwoordigen deze schepen de beste technologie die vandaag beschikbaar is met betrekking tot het reduceren van CO2 emissies.
De gezamelijk gecontroleerde VLGC BW TOKYO presteerde goed in 2021, hoofdzakelijk onder een tijdsbevrachtingsovereenkomst met de belangrijke LPG trader Trafigura. Aan het eind van het jaar vervoegde het schip de BW VLGC vloot op basis van een systeem van inkomstendeling.
In 2021 vervoerde 33% van EXMARs midsize vloot ammoniak en 67% vervoerde LPG. In 2022 zal het aandeel van ammoniak naar verwachting stijgen tot 40%.
EXMAR, dat een 50/50 joint venture heeft met Seapeak (voorheen Teekay LNG Partners) voor de midsize-vloot, blijft voortbouwen op zijn bestaande trouwe klantenbasis met verlengingen van bestaande tijdsbevrachtingsovereenkomsten aan lonende niveaus. Aan het begin van 2022 is 79% van EXMARs midsize vloot reeds aan deze klanten toegewezen.
Ten westen van Suez is de raffinageproductie in 2021 toegenomen, na een sterke daling in 2020 als gevolg van de invloed van de pandemie op de vraag. Dit had op zijn beurt een positief effect op de benutting van de schepen en op de tarieven in het pressurized segment. De marktniveaus van voor de pandemie werden opnieuw bereikt en naar verwachting zal 2022 even goede vooruitzichten bieden.
EXMARs vloot van tien schepen met druktanks blijft ingezet bij eerste klas industriële en langetermijnpartners, zowel in Noordwest-Europa als in Azië. Bijgevolg bedraagt de dekking met tijdsbevrachtingscontracten voor 2022 nu al 76% aan betere tarieven vergeleken met vorig jaar.
EXMAR heeft momenteel één LNG-tanker in zijn vloot, de EXCALIBUR (gebouwd in 2002), in joint venture met Seapeak. Het schip bleef met succes onder zijn langlopende tijdsbevrachtingsovereenkomst ingezet tot eind december 2021 toen het schip werd teruggeleverd. Verschillende opties worden onderzocht om het schip in te zetten in upstream infrastructuurprojecten als een FSU/FSRU, of voor alternatieve charters.
Eind 2021 stonden de spot- en tijdsbevrachtingsmarkten op historisch hoge niveaus, dankzij een substantiële LNG-import in China en Japan. De spotprijzen voor LNG-tankers met stoomturbine bereikten in het laatste kwartaal opbrengsten van meer dan USD 100.000 per dag, gevolgd door een neerwaartse correctie. Verwacht wordt dat 2022 een lonend jaar zal blijven voor moderne grote LNG-tankers, weliswaar met meer gematigde vrachttarieven.
De TANGO FLNG is veilig aangemeerd in Nueva Palmira, Uruguay. Het drijvende platform wordt gepromoot als een snelle oplossing voor de ontwikkeling van de LNG-export en er worden aanhoudende inspanningen geleverd om het opnieuw in te zetten. Intussen houdt het boord- en walpersoneel de eenheid stand-by en worden de systemen voor het beheer van de operaties en het onderhoud voortdurend verbeterd.
Voor FSRU S188 kondigden EXMAR en GASUNIE in maart 2022 een overeenkomst aan voor de verhuur voor vijf jaar van het hervergassingsplatform, en zo bundelen ze hun krachten om de Europese energiebevoorradingszekerheid te verbeteren. GASUNIE zal het hervergassingsplatform gebruiken als drijvende LNG-importterminal in Eemshaven in Groningen, Nederland.
Ondanks de moeilijke werkomstandigheden als gevolg van de pandemie hebben de accommodatieplatformen NUNCE en WARIBOKO hun reputatie van dienstverlening van hoge kwaliteit eer aangedaan bij hun klanten in de West-Afrikaanse offshore regio.
NUNCE heeft zijn reputatie van 100% beschikbaarheid bevestigd en blijft tot juni 2022 bij Sonangol onder contract. De WARIBOKO hervatte van februari tot eind juli 2021 zijn tewerkstelling in Nigeria. Er wordt nu naar ander werk gezocht voor het platform.
Verwacht wordt dat de huidige olie- en gasprijzen een positief effect zullen hebben op de ontwikkeling van exploratie- en productieprojecten en de behoefte aan drijvende accommodatie- en werkplatformen. De vraag naar bevoorradingsschepen voor offshore installaties en platformen lijkt toe te nemen in West-Afrika, en de crash van de olie- en gasprijzen in 2020 heeft een aantal leveranciers van werkloze en ondermaatse accommodatieplatformen uit de markt gedreven. In deze context worden marketinginspanningen geleverd op de West-Afrikaanse olie- en gasmarkt, met bemoedigende vooruitzichten.
EXMAR Shipmanagement volgt actief nieuwe business ontwikkelingen op voor 2022 na de succesvolle levering en start van de operaties en het beheer van de twee EXMAR VLGC nieuwbouwschepen.
De onderneming boekte in 2021 een recordresultaat, dankzij een sterke vraag in de maritieme en offshore segmenten, met inhaalorders van de in 2020 wegens de uitbraak van de pandemie veel zwakkere markt. 2022 ziet er veelbelovend uit hoewel allicht niet aan hetzelfde recordniveau als 2021.
De aanhoudende pandemie had in 2021 een ongunstige invloed op de boekingen in zowel het recreatie- als het zakensegment. De onderneming voorziet ook in de reisbehoeften van de bemanningen van de Groep, die bijzondere inspanningen vereisen om de routes aan te passen aan de veranderende plaatselijke quarantaine- en inklaringsvoorschriften.
Ondanks de recente pandemiegolven bevestigen de boekingsaanvragen voor 2022 het reisenthousiasme van de trouwe vrijetijdsklanten van TRAVEL PLUS in België. De hogere vaccinatiegraad zal de COVID-pieken steeds meer afvlakken en de reislust keert terug, ook in het zakensegment.
Wij verzoeken de Algemene Vergadering van Aandeelhouders dit verslag voor het jaar eindigend op 31 december 2021 in zijn geheel goed te keuren en het resultaat te bestemmen zoals bepaald in dit verslag. Wij verzoeken de vergadering ook om kwijting te verlenen aan de bestuurders en de Commissaris voor de uitoefening van hun mandaat tijdens bovenvermeld boekjaar.
De volgende mandaten verlopen bij de Algemene Vergadering van Aandeelhouders:
Alle voornoemde bestuurders hebben zich herverkiesbaar gesteld.
De volgende bestuurders werden op 9 september 2021 gecoöpteerd door de Raad van Bestuur en hun mandaat wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders:
De Raad van Bestuur, 1 april 2022
| Toe | ||
|---|---|---|
| (In duizenden USD) lichting |
2021 | 2020 (1) |
| Vaste activa | 767.312 | 694.193 |
| Schepen en platformen 10 |
648.436 | 561.424 |
| Schepen en platformen | 648.436 | 528.261 |
| Vaste activa in aanbouw - vooruitbetalingen | 0 | 33.163 |
| Andere materiële vaste activa 11 |
1.274 | 1.680 |
| Immateriële activa 12 |
82 | 73 |
| Gebruiksrechten 13 |
6.000 | 3.461 |
| Lange termijn vorderingen 19 |
0 | 24.444 |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures 14 |
94.678 | 73.298 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures 16 |
16.841 | 29.813 |
| Vlottende activa | 234.083 | 237.732 |
| Activa aangehouden voor verkoop 17 |
12.500 | 10.000 |
| Afgeleide financiële instrumenten 8 |
920 | 0 |
| Overige investeringen 18 |
1.849 | 1.354 |
| Handels- en overige vorderingen 19 |
55.154 | 107.636 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures 16 |
15.407 | 11.500 |
| Actuele belastingvorderingen 20 |
1.003 | 3.472 |
| Geblokkeerde kasequivalenten 21 |
76.121 | 75.575 |
| Kas en kasequivalenten 21 |
71.130 | 28.195 |
| Totale activa | 1.001.395 | 931.924 |
| Eigen vermogen | 536.503 | 545.915 |
| Eigen vermogen, deel van de Groep | 536.231 | 545.659 |
| Kapitaal 22 |
88.812 | 88.812 |
| Uitgiftepremies 22 |
209.902 | 209.902 |
| Reserves | 225.918 | 155.011 |
| Resultaat van de periode | 11.600 | 91.934 |
| Minderheidsbelang | 272 | 256 |
| Verplichtingen op lange termijn | 315.347 | 278.304 |
| Leningen 24 |
313.816 | 276.588 |
| Personeelsbeloningen 26 |
730 | 1.715 |
| Voorzieningen | 800 | 0 |
| Verplichtingen op korte termijn | 149.546 | 107.706 |
| Leningen 24 |
110.995 | 65.031 |
| Handels- en overige schulden 27 |
37.241 | 37.632 |
| Te betalen winstbelastingen 20 |
1.309 | 5.043 |
| Totale verplichtingen | 464.892 | 386.009 |
| Totaal eigen vermogen en verplichtingen | 1.001.395 | 931.924 |
(1) In de vergelijkende cijfers van 2020 werd USD 24,4 miljoen geherclassificeerd van handelsvorderingen op korte termijn naar handelsvorderingen op lange termijn om de werkelijk verwachte betaling weer te geven. Wij verwijzen naar Toelichting 19 Handels- en overige vorderingen voor verdere informatie.
| (In thousands of USD) | |||
|---|---|---|---|
| GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN GEREALISEERDE | Toe | 2020 (1) | |
| RESULTATEN | lichting | 2021 | |
| Opbrengsten | 4 | 148.229 | 285.154 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 52 | 95 | |
| Overige bedrijfsopbrengsten Bedrijfsopbrengsten |
990 149.272 |
1.534 286.783 |
|
| Operationele kosten van schepen | 5 | -45.068 | -48.850 |
| Algemene en administratieve kosten | 6 | -24.536 | -29.806 |
| Personeelskosten | 7 | -27.349 | -30.622 |
| Afschrijvingen | 10-13 | -31.364 | -37.270 |
| Waardeverminderingen en terugnames | 10,17,19 | -17.585 | -1.068 |
| Verlies gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | -100 | -4 | |
| Overige bedrijfskosten | -888 | 0 | |
| Resultaat uit bedrijfsactiviteiten | 2.382 | 139.164 | |
| Intrestopbrengsten | 8 | 1.537 | 1.958 |
| Intrestkosten | 8 | -15.526 | -17.568 |
| Andere financiële opbrengsten | 8 | 10.198 | 1.508 |
| Andere financiële kosten | 8 | -6.785 | -14.254 |
| Netto financieel resultaat | -10.577 | -28.355 | |
| Resultaat voor belastingen en voor aandeel in het resultaat in geassocieerde | -8.195 | 110.809 | |
| ondernemingen en joint ventures | |||
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en joint ventures (na belastingen) |
14 | 21.769 | -17.830 |
| Resultaat voor belasting | 13.574 | 92.980 | |
| Belastingen op het resultaat | 9 | -1.939 | -1.020 |
| Resultaat van de periode | 11.635 | 91.960 | |
| Toe te rekenen aan: | |||
| Minderheidsbelang | 35 | 25 | |
| Aandeelhouders van de vennootschap | 11.600 | 91.934 | |
| Resultaat van de periode | 11.635 | 91.960 | |
| Winst per aandeel (in USD) | 23 | 0,20 | 1,61 |
| Verwaterde winst per aandeel (in USD) | 23 | 0,20 | 1,61 |
| GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | |||
| Resultaat van de periode | 11.635 | 91.960 | |
|---|---|---|---|
| Posten die via verlies of winst zijn of kunnen verwerkt worden: | |||
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures - aandeel in niet | 14 | 618 | 93 |
| gerealiseerde resultaten | |||
| Omrekeningsverschillen | -1.521 | 5.125 | |
| Posten die nooit via verlies of winst zullen verwerkt worden: | |||
| Personeelsbeloningen - herwaardering van toegezegde pensioenverplichting/actief | 26 | 647 | -203 |
| Totaal niet-gerealiseerde resultaten van de periode (na belastingen) | -256 | 5.014 | |
| Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | 11.378 | 96.974 | |
| Toe te rekenen aan: | |||
| Minderheidsbelang | 15 | 46 | |
| Aandeelhouders van de vennootschap | 11.364 | 96.928 |
(1) In de vergelijkende cijfers van 2020 werd USD 1,6 miljoen geherclassificeerd van algemene en administratieve kosten naar operationele kosten van schepen om de aard van de kosten beter weer te geven. Deze presentatiewijziging heeft geen invloed op het nettoresultaat.
| Toe (In duizenden USD) lichting |
2021 | 2020 (1) |
|---|---|---|
| Resultaat van de periode | 11.635 | 91.960 |
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en joint ventures (na belastingen) 14 |
-21.769 | 17.830 |
| Afschrijvingen 10-13 |
31.364 | 37.270 |
| Waardeverminderingen en terugnames 10,17,19 |
17.585 | 1.068 |
| Netto financieel resultaat 8 |
10.577 | 28.355 |
| Belastingen op het resultaat 9 |
1.939 | 1.020 |
| Netto (winst)/verlies uit de verkoop van vaste activa | 48 | -91 |
| Gerealiseerde wisselkoerswinsten (verliezen) 8 |
1.310 | -2.105 |
| Bruto kasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 52.689 | 175.307 |
| (Stijging)/daling van de handels- en overige vorderingen | 75.394 | -88.975 |
| Stijging/(daling) van de handels- en overige schulden | 1.752 | -12.161 |
| Stijging/(daling) van de voorzieningen en personeelsbeloningen | 552 | -178 |
| Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 130.387 | 73.993 |
| Betaalde intresten | -16.412 | -19.297 |
| Ontvangen intresten | 351 | 1.957 |
| Betaalde belastingen | -2.405 | -3.211 |
| NETTO KASSTROOM UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 111.921 | 53.443 |
| Investeringen in schepen en schepen in aanbouw 10 |
-135.302 | -19.572 |
| Investeringen in andere materiële activa 11 |
-250 | -192 |
| Investeringen in immateriële activa 12 |
-79 | -17 |
| Ontvangsten uit de verkoop van schepen en andere materiële vaste activa | 298 | 91 |
| Dividenden ontvangen van investeringen in geass. ondernemingen en JVs 14 |
379 | 3.814 |
| Overige ontvangen dividenden 8 |
16 | 121 |
| Ontvangsten uit de verkoop van investeringen 8 |
0 | 1.681 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures 16 |
-590 | -575 |
| Terugbetalingen van leningen aan geass. ondernemingen en joint ventures 16 |
10.000 | 10.000 |
| NETTO KASSTROOM UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN | -125.528 | -4.651 |
| Betaalde dividenden 22 |
-20.601 | 0 |
| Nieuwe leningen 24 |
144.000 | 12.802 |
| Terugbetaling van leningen 24 |
-62.532 | -62.036 |
| Terugbetaling van leaseschulden IFRS 16 (hoofdsom) 24 |
-1.554 | -17.392 |
| Betaling van bank & transactiekosten m.b.t. financieringen | -1.520 | 0 |
| Stijging in geblokkeerde kasequivalenten 21 |
-546 | -48.305 |
| Vrijgave geblokkeerde kasequivalenten 21 |
0 | 40.000 |
| NETTO KASSTROOM UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN | 57.248 | -74.931 |
| NETTO TOENAME/ (AFNAME) IN KAS EN KASEQUIVALENTEN | 43.641 | -26.139 |
| Netto kas en kasequivalenten op 1 januari | 28.195 | 52.626 |
| Netto toename/(afname) van kas en kasequivalenten | 43.641 | -26.139 |
| Wisselkoersfluctuaties op kas en kasequivalenten | -706 | 1.708 |
| NETTO KAS EN KASEQUIVALENTEN OP 31 DECEMBER 21 |
71.130 | 28.195 |
(1) De presentatie van bepaalde rubrieken binnen de kasstroom uit operationele activiteiten werd aangepast zonder impact op het resultaat of de andere kasstromen.
| OGEN |
|---|
| M |
| GEN VER |
| VERZICHT VAN HET EI |
| UTATIEO |
| M |
| DEERD |
| NSOLI |
| GECO |
| Reserve | |||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Overge- | Reserve | voor | Totaal | ||||||||
| Toe- | Uitgifte- | dragen | voor eigen | Omrekenings- | Afdekkings- | aandelen- | eigen | ||||
| (In duizenden USD) | lichting | Kapitaal | premies | resultaat | aandelen | reserve | reserve | optieplan | Totaal Minderheids- belang |
vermogen | |
| Beginbalans eigen vermogen op 1 januari 2021 | 88.812 | 209.902 | 289.079 | -44.349 | -1.086 | -298 | 3.598 | 545.658 | 256 | 545.915 | |
| Gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | |||||||||||
| Resultaat van de periode | 11.600 | 11.600 | 35 | 11.635 | |||||||
| Omrekeningsverschillen | 21 | -1.501 | -1.501 | -20 | -1.521 | ||||||
| Omrekeningsverschillen - aandeel geassocieerde ondernemingen en joint ventures |
14 | -441 | -441 | -441 | |||||||
| Personeelsbeloningen - herwaardering van toegezegde pensioenverplichtingen |
26 | 647 | 647 | 647 | |||||||
| Wijziging in de reële waarde van cash flow afdekkingen - aandeel geassocieerde ondernemingen en joint ventures |
14 | 1.059 | 1.059 | 1.059 | |||||||
| Totaal niet-gerealiseerde resultaten | 0 | 0 | 647 | 0 | -1.942 | 1.059 | 0 | -236 | -20 | -256 | |
| Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | 0 | 0 | 12.247 | 0 | -1.942 | 1.059 | 0 | 11.364 | 15 | 11.378 | |
| Transacties met aandeelhouders | |||||||||||
| Dividenduitkeringen | 21 | -20.791 | -20.791 | -20.791 | |||||||
| Aandelenoptieplan | 25 | 1.513 | -1.513 | 0 | 0 | ||||||
| Totaal transacties met aandeelhouders | 0 | 0 | -19.278 | 0 | 0 | 0 | -1.513 | -20.791 | 0 | -20.791 | |
| Eindbalans eigen vermogen op 31 december 2021 | 88.812 | 209.902 | 282.048 | -44.349 | -3.028 | 761 | 2.086 | 536.231 | 271 | 536.503 |
| Reserve | |||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Overge | Reserve | voor | Totaal | ||||||||
| Toe | Uitgifte- | dragen | voor eigen | Omrekenings | Afdekkings- | aandelen | Minderheids- | eigen | |||
| (In duizenden USD) | lichting | Kapitaal | premies | resultaat | aandelen | reserve | reserve | optieplan | Totaal | belang | vermogen |
| Beginbalans eigen vermogen op 1 januari 2020 | 88.812 | 209.902 | 195.808 | -44.349 | -6.603 | 22 | 5.138 | 448.730 | 210 | 448.940 | |
| Gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | |||||||||||
| Resultaat van de periode | 91.934 | 91.934 | 25 | 91.960 | |||||||
| Omrekeningsverschillen | 21 | 5.104 | 5.104 | 21 | 5.125 | ||||||
| Omrekeningsverschillen - aandeel geassocieerde ondernemingen en joint | 14 | 413 | 413 | 413 | |||||||
| ventures | |||||||||||
| Personeelsbeloningen - herwaardering van toegezegde | 26 | -203 | -203 | -203 | |||||||
| pensioenverplichtingen | |||||||||||
| Wijziging in de reële waarde van cash flow afdekkingen - aandeel | 14 | -320 | -320 | -320 | |||||||
| geassocieerde ondernemingen en joint ventures | |||||||||||
| Totaal niet-gerealiseerde resultaten | 0 | 0 | -203 | 0 | 5.517 | -320 | 0 | 4.993 | 21 | 5.014 | |
| Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | 0 | 0 | 91.731 | 0 | 5.517 | -320 | 0 | 96.928 | 46 | 96.974 | |
| Transacties met aandeelhouders | |||||||||||
| Aandelenoptieplan | 25 | 1.540 | -1.540 | 0 | 0 | ||||||
| Totaal transacties met aandeelhouders | 0 | 0 | 1.540 | 0 | 0 | 0 | -1.540 | 0 | 0 | 0 | |
| Eindbalans eigen vermogen op 31 december 2020 | 88.812 | 209.902 | 289.079 | -44.349 | -1.086 | -298 | 3.598 | 545.658 | 256 | 545.915 |
EXMAR NV (de "Onderneming") is een beursgenoteerde onderneming (Euronext-EXM) die in België gedomicilieerd is. De geconsolideerde jaarrekening van de Groep omvat de Onderneming, haar dochterondernemingen en de belangen van de Groep in geassocieerde ondernemingen en ondernemingen waarover gezamenlijke controle wordt uitgeoefend (gezamenlijk de "Groep" genoemd). De Groep is actief in de internationale scheepvaart.
De geconsolideerde jaarrekening wordt opgemaakt in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) uitgegeven door de International Accounting Standards Board (IASB) zoals aanvaard binnen de Europese Unie op 31 december 2021.
De waarderingsregels die werden toegepast bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening per 2021 zijn in overeenstemming met deze welke vorig boekjaar werden toegepast, met uitzondering van volgende punten:
De Groep paste voor het eerst bepaalde standaarden en wijzigingen toe, die van toepassing zijn voor boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2021:
De Groep meent dat deze geen of slechts een beperkte impact hebben op haar geconsolideerde jaarrekening.
De Groep heeft geen enkele andere standaard, interpretatie of wijziging die werd gepubliceerd maar nog niet van kracht is, vervroegd toegepast.
Een aantal nieuwe standaarden, wijzigingen aan standaarden en interpretaties die per 31 december 2021 nog niet effectief waren, worden niet toegepast door de Groep bij de opmaak van de geconsolideerde jaarrekening. Deze nieuwe of gewijzigde standaarden of interpretaties zullen naar alle verwachting geen significante invloed hebben op de geconsolideerde jaarrekening van de Groep:
De Raad van Bestuur van 1 april 2022 heeft de geconsolideerde jaarrekening goedgekeurd en de toestemming verleend tot publicatie ervan.
De geconsolideerde jaarrekening wordt opgemaakt in duizenden USD, welke ook de functionele munt van de onderneming is. De Financial Services and Markets Authority (FSMA) heeft bij brief van 2 juli 2003 het gebruik van de USD als rapporteringsmunt goedgekeurd, aangezien het merendeel van de scheepvaartactiviteiten van de Groep en de daarmee verband houdende financiering in USD zijn uitgedrukt. Alle waarden worden afgerond op het dichtstbijzijnde duizendtal.
De jaarrekening is opgesteld op basis van historische kostprijs, met uitzondering van de volgende materiële activa en verplichtingen dewelke zijn gewaardeerd tegen een alternatieve basis op iedere balansdatum: afgeleide financiële instrumenten, overige investeringen (aandelen gewaardeerd aan FVTPL) en de netto pensioenvoorziening aangaande te bereiken doelplannen. De voor verkoop aangehouden vaste activa worden gewaardeerd aan de laagste waarde, hetzij de boekwaarde, hetzij de reële waarde verminderd met de verkoopkost.
De opmaak van de jaarrekening in overeenstemming met IFRS vereist dat het management beoordelingen, schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van de waarderingsregels en de gerapporteerde bedragen van activa en passiva, opbrengsten en kosten, de bijbehorende toelichtingen en de toelichting omtrent voorwaardelijke verplichtingen. De schattingen en de hiermee verbonden veronderstellingen zijn gebaseerd op ervaring en verschillende andere factoren die gegeven de omstandigheden als redelijk worden beschouwd. De uiteindelijke resultaten kunnen verschillen van deze schattingen.
De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend herzien. Herzieningen van de boekhoudkundige schattingen worden verwerkt in de periode waarin de raming wordt herzien, op voorwaarde dat de herziening alleen op die periode betrekking heeft, of in de periode van de herziening en toekomstige periodes, indien de herziening zowel de huidige als toekomstige periodes treft.
Bij de toepassing van de waarderingsregels van de Groep heeft het management de volgende beoordelingen gevormd, die een belangrijke invloed hebben op de bedragen die in de geconsolideerde jaarrekening worden gerapporteerd:
Het bepalen van de leasetermijn vereiste een beoordeling. Elementen die in overweging worden genomen zijn onder meer de beoordeling van de waarschijnlijkheid dat vervroegde beëindigingsopties of verlengopties zullen worden uitgeoefend. Alle feiten en omstandigheden die relevant zijn voor de beoordeling worden in overweging genomen.
Specifiek voor de schepen met druktanks ("pressurized") heeft het management de beoordeling gemaakt dat de aankoopopties voor de 10 schepen zullen worden uitgeoefend op het einde van de respectieve financieringsovereenkomsten.
De belangrijkste veronderstellingen omtrent de toekomst en andere belangrijke bronnen van onzekerheid bij de schattingen op de verslagdatum, die een significant risico kunnen inhouden van een materiële aanpassing van de boekwaarde van de activa en passiva in het volgende boekjaar, worden hieronder beschreven. De Groep heeft haar veronderstellingen en schattingen gebaseerd op de parameters die beschikbaar waren toen de geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld. Bestaande omstandigheden en veronderstellingen over toekomstige ontwikkelingen kunnen echter veranderen als gevolg van marktwijzigingen of omstandigheden die zich voordoen buiten de controle van de Groep. Dergelijke wijzigingen worden in de veronderstellingen verwerkt wanneer zij zich voordoen.
De Groep evalueert de boekwaarde van elk schip op mogelijke waardevermindering, minstens jaarlijks of telkens wanneer gebeurtenissen of wijzigingen in omstandigheden erop wijzen dat de boekwaarde van een specifiek schip mogelijk niet volledig realiseerbaar is. De realiseerbare waarde is de hoogste waarde van de reële waarde verminderd met de verkoopkosten en de gebruikswaarde.
De reële waarde verminderd met de verkoopkosten wordt bepaald op basis van onafhankelijke waarderingsrapporten. De Groep doet beroep op twee onafhankelijke makelaars om de reële waarde op de verslagdatum te bepalen. De boekwaarde van de schepen
geeft mogelijk niet de huidige marktwaarde weer aangezien de marktwaarden van tweedehands schepen fluctueren naargelang de evolutie van de vrachttarieven en de kostprijs van nieuwbouwschepen. Historisch gezien zijn zowel vrachttarieven als kostprijzen van schepen cyclisch.
De gebruikswaarde is gebaseerd op de verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tot hun huidige waarde. Om de inschatting van de toekomstige kasstromen te bepalen, maakt het management inschattingen over de verwachte datum van ingebruikname (in het geval van tijdelijk niet-operationele schepen), toekomstige vrachttarieven, operationele kosten van de schepen, verwachte levensduur van de vloot en de WACC. Deze inschattingen zijn gebaseerd op historische gegevens en toekomstverwachtingen. Het management is van mening, dat de inschattingen een betrouwbare basis zijn voor haar huidige beoordeling maar is zich bewust van de subjectiviteit ervan. We verwijzen naar Toelichting 10 Schepen en platformen voor meer informatie over de toegepaste veronderstellingen en de gevoeligheidsanalyse op jaareinde.
Klimaatverandering en duurzaamheidsgerelateerde ontwikkelingen Klimaatgerelateerde zaken en maatregelen zoals de invoering van emissiereductiewetgeving kunnen een aanzienlijke impact hebben op de activiteiten van EXMAR en haar klanten. EXMAR volgt de huidige ontwikkelingen en maatregelen met betrekking tot klimaatverandering en duurzaamheid op de voet, en is van mening dat deze momenteel niet leiden tot fundamenteel gewijzigde verwachtingen inzake gebruiksduur of realiseerbaarheid van onze vloot. In de gevoeligheidsanalyse van de jaarlijkse waardeverminderingstest van schepen en platformen werd rekening gehouden met de leeftijd en de emissiescore van elk specifiek actief. Wij verwijzen naar Toelichting 10 Schepen en platformen voor bijkomende informatie.
Bedrijfscombinaties worden verwerkt op basis van de overname methode op overnamedatum, zijnde de datum waarop de zeggenschap overgaat naar de Groep.
Om te bepalen of een bepaalde reeks van activiteiten en activa een bedrijf is, beoordeelt de Groep of de verworven reeks van activa en activiteiten ten minste een input en een substantief proces omvat en of de verworven reeks de mogelijkheid heeft om outputs te produceren.
De Groep heeft de optie om een 'concentratietest' toe te passen die een vereenvoudigde beoordeling mogelijk maakt of een verworven reeks van activiteiten en activa geen bedrijf is. Aan de facultatieve concentratietoets is voldaan indien nagenoeg de gehele reële waarde van de verworven bruto-activa geconcentreerd is in één identificeerbaar actief of groep van soortgelijke identificeerbare activa.
Goodwill wordt op de overnamedatum initieel gewaardeerd als het surplus van het totaal van de reële waarde van de kostprijs van de overname, vermeerderd met het erkende bedrag van eventuele minderheidsbelangen in de overgenomen partij, plus - indien de bedrijfscombinatie in fasen plaatsvindt - de reële waarde van het voorheen aangehouden belang in de overgenomen partij, verminderd met het reeds erkende nettobedrag (over het algemeen de reële waarde) van de identificeerbare verworven activa en aangegane verplichtingen.
Indien het verschil negatief is, wordt onmiddellijk een opbrengst uit een voordelige koop in de winst- en verliesrekening opgenomen.
Transactiekosten worden onmiddellijk ten laste genomen in de resultatenrekening, tenzij de kosten verband houden met de uitgifte van aandelen of obligaties.
De kostprijs van de overname omvat geen bedragen in verband met de afwikkeling van reeds voorafgaande bestaande relaties. Deze bedragen worden over het algemeen in de resultatenrekening opgenomen.
Een voorwaardelijke vergoeding wordt op overnamedatum aan reële waarde gewaardeerd. Indien die voorwaardelijke vergoeding voldoet aan de definitie van een financieel instrument en geclassificeerd wordt als eigen vermogen, vindt geen latere herwaardering plaats en wordt de afwikkeling verwerkt binnen het eigen vermogen. In het andere geval worden andere voorwaardelijke vergoedingen geherwaardeerd aan reële waarde waarbij wijzigingen in reële waarde in winst of verlies worden opgenomen.
De dochterondernemingen zijn die welke door de Groep worden gecontroleerd. Controle bestaat wanneer de onderneming is blootgesteld aan, dan wel recht heeft op, variabele rendementen en het vermogen heeft die rendementen te beïnvloeden aan de hand van haar controle over de entiteit.
De financiële staten van de dochterondernemingen worden integraal in de consolidatie opgenomen vanaf de datum van verwerving tot het einde van de controle. Alle openstaande bedragen en opbrengsten en kosten, niet gerealiseerde winsten en verliezen en dividenden die het resultaat zijn van transacties tussen ondernemingen van de Groep worden volledig geëlimineerd.
Bij verlies van zeggenschap worden de activa en verplichtingen van de dochteronderneming, eventuele minderheidsbelangen en overige met de dochteronderneming samenhangende componenten van het eigen vermogen niet langer in de balans opgenomen. Het eventuele overschot of tekort dat ontstaat bij het verlies van zeggenschap wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening. Indien de Groep een belang behoudt in de voormalige dochteronderneming, wordt dat belang tegen de reële waarde opgenomen vanaf de datum van verlies van zeggenschap.
Het belang van de Groep in ondernemingen opgenomen volgens de vermogensmutatiemethode bestaat uit geassocieerde ondernemingen en joint ventures.
Een geassocieerde onderneming is een onderneming waarin de Onderneming een invloed van betekenis, doch geen controle heeft op het financiële en operationele beleid. Een invloed van betekenis wordt verondersteld wanneer de Groep tussen 20% en 50% van de stemrechten bezit.
Een joint venture is een regeling waarin de Groep gezamenlijke controle heeft en waar de Groep rechten heeft op het eigen vermogen van de regeling eerder dan rechten in de activa en verplichten.
De geassocieerde ondernemingen en joint ventures worden via de vermogensmutatiemethode opgenomen in de consolidatie en bij eerste opname gewaardeerd aan kostprijs. De kostprijs van de investering omvat transactiekosten. Na initiële opname bevat de geconsolideerde jaarrekening het aandeel van de Groep in het resultaat en in de bewegingen in het niet gerealiseerd resultaat (OCI) van de geassocieerde ondernemingen en joint ventures, vanaf het moment dat deze invloed van betekenis of gezamenlijke controle ontstaat tot het moment dat deze invloed van betekenis of gezamenlijke controle ophoudt.
Wanneer het aandeel van de Groep in het verlies van de geassocieerde onderneming of joint venture de investering in deze onderneming overstijgt, wordt de boekwaarde tot nul herleid, en wordt de erkenning van toekomstige verliezen gestaakt, behalve wanneer de Groep de verplichting heeft om betalingen te verrichten voor rekening van de geassocieerde onderneming of joint venture. In dit geval wordt deze verplichting eerst toegewezen aan andere elementen van de investering in de geassocieerde onderneming of joint venture (leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures). Indien de negatieve investering in geassocieerde ondernemingen en joint ventures de totale investering overschrijdt, wordt een verplichting erkend voor het nettobedrag. Niet-gerealiseerde winsten uit hoofde van transacties met ondernemingen verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode worden geëlimineerd naar rato van het belang dat de Groep in de geassocieerde onderneming of joint venture heeft. Niet- gerealiseerde verliezen worden op dezelfde wijze geëlimineerd als niet-gerealiseerde winsten, maar slechts voor zover er geen aanwijzing is voor een waardevermindering.
Elke entiteit stelt haar individuele jaarrekening op in de munt van de primaire economische omgeving waarin de entiteit actief is (d.w.z. de functionele valuta). Verscheidene in Europa en Hong Kong gevestigde entiteiten hebben de USD als functionele valuta, aangezien de meeste van hun kasstromen in USD worden uitgedrukt.
Bij het opstellen van de individuele jaarrekening worden de transacties in andere valuta's dan de functionele munt van de entiteiten geboekt tegen de wisselkoers die geldt op de datum van de transactie.
Monetaire activa en passiva uitgedrukt in vreemde valuta op rapporteringsdatum worden omgezet naar de functionele munt tegen de spot wisselkoersen op die datum. De niet-monetaire activa en passiva gewaardeerd aan historische kost worden omgerekend naar de functionele munt aan de koers van de initiële transactie. Niet-monetaire activa en passiva in vreemde valuta (andere dan de functionele munt) gewaardeerd tegen reële waarde worden omgerekend tegen de koers op moment ter bepaling van de reële waarde.
Wisselkoerswinsten en -verliezen worden in het overzicht van gerealiseerde resultaten geboekt, behalve voor de kwalificerende kasstroomafdekkingen (voor zover deze afdekkingen effectief zijn), welke in het overzicht van niet-gerealiseerde resultaten worden erkend.
Bij de consolidatie worden de activa en passiva van buitenlandse activiteiten, met inbegrip van goodwill en reële waarde-aanpassingen bij aanschaffing, omgerekend naar USD – de rapporteringsmunt van de Groep - tegen de slotkoers op de balansdatum. Opbrengsten en kosten van de buitenlandse activiteiten worden omgerekend in USD aan de transactiekoers (de gemiddelde wisselkoers van de betreffende periode wordt gehanteerd op voorwaarde dat deze de koers op transactiedatum benadert).
De omrekeningsverschillen die hieruit voortvloeien worden opgenomen in het eigen vermogen. Deze omrekeningsverschillen worden opgenomen in de rubriek "Omrekeningsreserve". Echter in het geval van een minderheidsbelang wordt het relevante proportioneel aandeel toegewezen aan het minderheidsbelang.
Indien een buitenlandse activiteit wordt afgestoten, wordt het in verband met deze buitenlandse activiteit cumulatief opgebouwde bedrag overgeboekt van de omrekeningsreserve naar de winsten verliesrekening als onderdeel van de winst of het verlies bij de desïnvestering. Indien de Groep slechts een deel van het belang in een dochter die een buitenlandse activiteit omvat, afstoot, terwijl de Groep wel zeggenschap houdt, wordt het betreffende evenredige aandeel in het cumulatieve bedrag toegerekend aan minderheidsbelangen. Indien de Groep slechts een deel van het belang in een geassocieerde onderneming of joint venture die een buitenlandse activiteit omvat afstoot terwijl de Groep wel invloed van betekenis of gezamenlijke zeggenschap houdt, wordt het betreffende evenredige aandeel in het cumulatieve bedrag overgeboekt naar de winst- en verliesrekening.
De voornaamste gebruikte wisselkoers zijn:
| Slotkoersen | Gemiddelde koersen | |||
|---|---|---|---|---|
| WISSELKOERSEN | 31/12/2021 | 31/12/2020 | 2021 | 2020 |
| EUR | 0,8829 | 0,8149 | 0,8407 | 0,8784 |
| GBP | 0,7419 | 0,7326 | 0,7258 | 0,7777 |
| HKD | 7,7992 | 7,7534 | 7,7704 | 7,7591 |
| NOK | 8,8194 | 8,5326 | 8,5788 | 9,4272 |
| ARS | 102,7327 | 84,1468 | 94,1620 | 69,7301 |
| KRW | 1.189,0606 | 1.089,3246 | 1.137,6564 | 1.183,4320 |
Financiële activa en financiële verplichtingen worden erkend in de geconsolideerde balans wanneer de Groep partij wordt aan de contractuele bepalingen van het instrument.
Financiële activa en financiële verplichtingen worden initieel gewaardeerd aan reële waarde. Transactiekosten die direct toewijsbaar zijn aan de aanschaffing of uitgifte van financiële activa en financiële verplichtingen (andere dan financiële activa en financiële verplichtingen met verwerking van reële waardeveranderingen in winst of verlies) worden toegevoegd of worden afgetrokken van de reële waarde van de financiële activa of financiële verplichtingen, al naargelang het geval, bij initiële erkenning. Transactiekosten die direct toewijsbaar zijn aan financiële activa of financiële verplichtingen met verwerking van waardeveranderingen in winst of verlies worden onmiddellijk erkend in het overzicht van gerealiseerde resultaten.
Alle aankopen of verkopen volgens standaard marktconventies van financiële activa worden erkend op transactiedatum. Aankopen of verkopen volgens standaard marktconventies zijn aankopen of verkopen van financiële activa dewelke levering van activa vereisen binnen het tijdsbestek vastgesteld door wetgeving of conventie in de markt.
Schuldinstrumenten die voldoen aan onderstaande voorwaarden worden daaropvolgend gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs (zie (i) hieronder):
Schuldinstrumenten dat voldoen aan onderstaande voorwaarden worden vervolgens gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van de waardeveranderingen door het overzicht van niet-gerealiseerde resultaten (FVTOCI) (zie (ii) hieronder):
Standaard worden alle andere financiële activa vervolgens gewaardeerd aan reële waarde met verwerking van de waardeveranderingen door het overzicht van gerealiseerde resultaten (FVTPL).
Ondanks voorgaande bepalingen kan de Groep onderstaande onherroepelijke keuzes maken bij initiële erkenning van een financieel actief:
Alle erkende financiële activa worden vervolgens in hun geheel gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs of reële waarde, afhankelijk van de classificatie van de financiële activa:
Deze activa worden vervolgens gewaardeerd aan reële waarde. Intrest inkomsten worden berekend volgens de effectieve intrest methode, wisselkoersverschillen en bijzondere waardeverminderingen worden erkend in winst of verlies. Andere nettowinsten en verliezen worden geboekt als niet gerealiseerd resultaat. Bij uitboeking worden deze nietgerealiseerde resultaten uit het eigen vermogen gehaald en geherclassificeerd naar winst of verlies.
(iii) Eigen vermogensinstrument gewaardeerd aan FVTOCI Deze activa worden vervolgens gewaardeerd aan reële waarde. Dividenden worden erkend in winst of verlies tenzij deze dividenden duidelijk een recuperatie vertegenwoordigen van een deel van de kostprijs van de investering. Overige winsten en verliezen worden erkend als niet gerealiseerd resultaat (OCI) en worden nooit geherclassificeerd naar winst of verlies.
(iv) Financiële activa gewaardeerd aan FVTPL Deze activa worden vervolgens gewaardeerd aan reële waarde. Nettowinsten of verliezen, inclusief intrest inkomsten of ontvangen dividenden worden erkend in de winst of verliesrekening. Zie echter het gedeelte over afgeleide financiële instrumenten en hedge accounting voor instrumenten aangeduid als afdekkingsinstrument.
De Groep neemt een financieel actief niet langer in de balans op wanneer het recht op de kasinstroom van dit actief vervalt of verkocht wordt in een transactie waarbij alle risico's en voordelen verbonden aan de eigendom van het actief overgegaan zijn naar de koper, of wanneer ze niet alle voordelen en risico's verbonden aan de eigendom van het actief verkoopt noch behoudt en controle verliest over het getransfereerde actief.
Financiële verplichtingen worden geclassificeerd als gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs of FVTPL. Een financiële verplichting wordt geclassificeerd als FVTPL (namelijk aan reële waarde via winst of verlies) wanneer het geclassificeerd wordt als aangehouden voor verkoop, het een derivaat is of aangewezen wordt als derivaat bij initiële erkenning. Financiële verplichtingen gewaardeerd aan FVTPL worden initieel gewaardeerd aan reële waarde en nettowinsten en verliezen, inclusief intrestkosten, worden erkend in winst of verlies. Andere financiële verplichtingen worden vervolgens gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve intrestmethode. Intrestkosten en wisselkoersverschillen worden erkend in winst of verlies. Alle winsten of verliezen gerealiseerd als gevolg van het niet langer opnemen in de balans van de financiële verplichtingen, worden eveneens erkend in winst of verlies.
Zie sectie "Afgeleide financiële instrumenten en hedge accounting" voor instrumenten aangeduid als afdekkingsinstrument.
De Groep neemt een financiële verplichting niet langer op in de balans wanneer de contractuele verplichtingen worden beëindigd, geannuleerd of vervallen. Wanneer een bestaande lening wordt vervangen door een andere van dezelfde kredietverstrekker tegen wezenlijk andere voorwaarden, of wanneer de voorwaarden van de bestaande leningen wezenlijk worden gewijzigd, wordt een dergelijke vervanging of wijziging behandeld als het niet langer opnemen van de oorspronkelijke lening en het opnemen van een nieuwe lening (tegen reële waarde). Het verschil in de respectievelijke boekwaarde wordt opgenomen in winst of verlies.
Bij uitboeking van een financiële verplichting, wordt het verschil tussen de boekwaarde en het betaalde bedrag (inclusief enige niet-cash getransfereerde activa of overgenomen schulden) erkend in winst of verlies.
Financiële activa en passiva worden gecompenseerd enkel en alleen wanneer de Groep een wettelijk recht heeft om de bedragen te salderen en van plan is om de financiële activa en passiva op een netto basis af te wikkelen of om gelijktijdig het actief te realiseren en de schuld af te lossen.
Gewone aandelen maken deel uit van het eigen vermogen. Kosten verbonden aan de uitgifte van aandelen en aandelenopties worden, netto van tax effect, in mindering gebracht van het eigen vermogen. Wanneer de Groep eigen aandelen koopt wordt het bedrag aan aankoopprijs, vermeerderd met direct toewijsbare aankoopkosten na belasting in mindering gebracht van het eigen vermogen. Bij de verkoop van eigen aandelen, wordt het ontvangen bedrag verwerkt als een verhoging van het eigen vermogen en het surplus of tekort op de transactie wordt opgenomen in het overgedragen resultaat.
De Groep maakt gebruik van afgeleide financiële instrumenten om haar wisselkoers- en renterisico in te dekken. In contracten besloten derivaten worden afgescheiden van het basiscontract en afzonderlijk verwerkt op voorwaarde dat het basiscontract geen financieel actief is en er aan bepaalde voorwaarden voldaan wordt.
Afgeleide financiële instrumenten worden aanvankelijk gewaardeerd aan reële waarde op het ogenblik dat het derivatencontract afgesloten wordt. Na aanvang worden de afgeleide financiële instrumenten aan reële waarde geboekt en worden wijzigingen in deze reële waarde algemeen gezien in winst of verlies geboekt.
De Groep erkent bepaalde afgeleide financiële instrumenten als afdekkingsinstrument ter afdekking van variabiliteit in kasstromen geassocieerd met hoogstwaarschijnlijke verwachte transacties als gevolg van wijzigingen in wisselkoersen en rentevoeten en bepaalde derivaten en niet-afgeleide financiële schulden als indekking van het wisselkoersrisico van een netto-investering in een buitenlandse entiteit.
Bij aanvang documenteert de Groep op formele wijze de objectieven ter beheersing van het risico en de strategie met betrekking tot het aangaan van de transactie. De Groep documenteert eveneens de relatie tussen het afdekkingsinstrument en de afdekkingstransactie, inclusief of de wijzigingen in kasstromen elkaar verwachten te neutraliseren.
Wanneer een afgeleid financieel instrument wordt erkend als kasstroomafdekkingsinstrument, wordt het effectieve deel van de wijziging in reële waarde in het eigen vermogen erkend als afdekkingsreserve. Het effectieve deel van wijzigingen in de reële waarde van het derivaat dat erkend wordt in niet-gerealiseerd resultaat (OCI) is beperkt tot de cumulatieve wijzigingen in de reële waarde van de afgedekte positie, gebaseerd op een contante waardebasis. Het niet-effectieve deel van de wijziging in de reële waarde wordt onmiddellijk in de resultatenrekening erkend. Het bedrag dat in het eigen vermogen werd opgenomen wordt in winst of verlies erkend op het moment dat de afgedekte kasstromen de resultatenrekening affecteren.
Wanneer niet langer voldaan wordt aan de criteria voor afdekkingstransacties of wanneer het afdekkingsinstrument wordt uitgeoefend, beëindigd, verkocht of vervalt, wordt "hedge accounting" prospectief beëindigd. Het cumulatief bedrag dat voorheen werd erkend in het eigen vermogen wordt daar behouden totdat de afdekkingstransactie de resultatenrekening beïnvloedt. Wanneer de afdekkingstransactie niet langer verwacht wordt zich voor te doen, wordt het geaccumuleerde bedrag in het eigen vermogen onmiddellijk geherclassificeerd naar winst of verlies.
Goodwill die voortvloeit uit de verwerving van dochterondernemingen wordt verantwoord onder immateriële activa.
Voor de waardering van de goodwill bij de eerste opname verwijzen wij naar de waarderingsregel "Bedrijfscombinaties" onder a) Consolidatieprincipes.
Vervolgens wordt de goodwill gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen (zie waarderingsregel g) Bijzondere waardevermindering van activa).
Voor wat betreft de geassocieerde ondernemingen en joint ventures, wordt de boekwaarde van de goodwill opgenomen in de boekwaarde van de investering. Een bijzonder waardeverminderingsverlies op een dergelijke investering wordt in zijn totaliteit toegerekend aan de boekwaarde van de investering verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode.
Kosten van onderzoek met betrekking tot de ontwikkeling van nieuwe technologische kennis worden in de resultatenrekening erkend wanneer zij worden gemaakt.
Er is sprake van ontwikkelingsactiviteiten wanneer een plan of ontwerp voor de productie van nieuwe producten of processen voor handen is. Ontwikkelingskosten worden enkel geactiveerd als de kosten op een redelijke basis kunnen worden ingeschat, het product of proces commercieel en technisch realiseerbaar is, toekomstige kasinstromen waarschijnlijk zijn en de groep de intentie heeft om de ontwikkeling te voltooien en het actief te gebruiken of te verkopen en daartoe ook de nodige middelen heeft. Zo niet, worden dergelijke kosten in winst of verlies geboekt. Geactiveerde ontwikkelingskosten worden gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingsverliezen.
Andere immateriële activa (o.a. software) door de Groep verworven, worden gewaardeerd aan kostprijs verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingsverliezen voor zover deze immateriële activa een beperkte gebruiksduur hebben. De afschrijvingen worden volgens de lineaire methode in de winst- en verliesrekening opgenomen gespreid over de geschatte gebruiksduur. Zij worden afgeschreven vanaf de datum dat ze beschikbaar zijn voor gebruik. Afschrijvingsmethodes, gebruiksduur en residuele waarden worden jaarlijks getoetst om na te gaan of ze nog gepast zijn.
Immateriële activa met een onbeperkte gebruiksduur of immateriële activa die nog niet beschikbaar zijn voor gebruik, worden jaarlijks onderworpen aan een bijzondere waardeverminderingstest.
Bijkomende kosten worden uitsluitend geactiveerd wanneer hierdoor de toekomstige economische voordelen toenemen die zijn besloten in het specifieke actief waarop de uitgaven betrekking hebben. Alle overige uitgaven worden verwerkt in de resultatenrekening wanneer zij zich voordoen.
Materiële vaste activa worden gewaardeerd aan kostprijs inclusief geactiveerde financieringskosten, verminderd met gecumuleerde afschrijvingen en waardeverminderingsverliezen. De aanschaffingswaarde omvat de uitgaven die direct verbonden zijn aan de aankoop van de betreffende activa. De aanschaffingswaarde voor zelf vervaardigde activa omvat de kostprijs van materialen, de rechtstreekse loonkost, andere kosten, direct toewijsbaar aan het gebruiksklaar maken van de activa en geactiveerde financieringskosten.
Bijkomende kosten met betrekking tot de materiële vaste activa worden enkel geactiveerd wanneer deze kosten resulteren in een toekomstig rendement en de kosten op een redelijke basis kunnen bepaald worden. Wanneer een onderdeel van materiële vaste activa wordt vervangen, wordt de vervangingskost geactiveerd en de netto boekwaarde van het vervangen deel uitgeboekt. Kosten met betrekking tot de dagdagelijkse werking van materiële vaste activa worden in de resultatenrekening opgenomen wanneer zij worden gemaakt.
Wanneer delen van materiële vaste activa een verschillende gebruiksduur hebben, worden ze als afzonderlijke delen erkend binnen het materiële vaste actief.
De afschrijvingen worden berekend op het af te schrijven bedrag, zijnde de kostprijs van het actief, verminderd met de residuele waarde en worden geboekt in winst of verlies.
Schepen, platformen of eenheden in aanbouw worden apart geclassificeerd in de balans onder activa in aanbouw. Deze activa in aanbouw worden niet afgeschreven, de afschrijvingen starten op het moment dat de schepen geleverd worden. Vanaf het moment van levering, worden de schepen niet langer opgenomen als schepen in aanbouw. Het ondernemingsmodel van de Groep is erop gericht om activa te verhuren of zelf te exploiteren.
Schepen worden als volgt lineair afgeschreven in overeenstemming met hun geschatte gebruiksduur binnen de Groep (vanaf de bouwdatum) tot hun residuele waarde:
| Gasschepen LPG met druktanks (1) | 20 | jaar |
|---|---|---|
| Gasschepen LPG | 30 | jaar |
| Gasschepen VLGC | 30 | jaar |
| Gasschepen LNG | 35 | jaar |
| LNG platformen | 30 | jaar |
| Accommodatie platform, nieuwbouw: | ||
| - Rompmachines & dekuitrusting | 20 | jaar |
| - Accommodatie | 10 | jaar |
| Accommodatieplatform, tweedehands | 10-12 | jaar |
(1) In juni 2016 verhoogde EXMAR haar aandeel in de pressurized vloot van 50% naar 100% en paste IFRS 3 Bedrijfscombinaties toe om dit boekhoudkundig te verwerken. De schepen werden op die datum geboekt tegen reële waarde en worden afgeschreven over hun resterende gebruiksduur, die 30 jaar bedroeg vanaf de bouwdatum, of gemiddeld een resterende looptijd van 23 jaar. In 2020 heeft het management de gebruiksduur opnieuw geëvalueerd en deze teruggebracht van 30 tot 20 jaar (vanaf de bouwdatum), of een gemiddelde resterende gebruiksduur van 10 jaar vanaf 1 januari 2020.
Schepen en platformen worden geacht een residuele waarde van nul te hebben.
Droogdokkosten worden geactiveerd wanneer ze worden uitgevoerd en afgeschreven over de periode tot het volgende droogdok.
De overige materiële vaste activa worden afgeschreven volgens de lineaire methode over de geschatte gebruiksduur van het actief. Terreinen worden niet afgeschreven.
De geschatte gebruiksduur van de verschillende types overige vaste activa zijn als volgt:
| Gebouwen | 33,3 | jaar |
|---|---|---|
| Onroerende leasing | 33,3 | jaar |
| Machines en uitrusting | 5 | jaar |
| Meubilair | 10 | jaar |
| Auto's | 5 | jaar |
| Vliegtuig | 10 | jaar |
| IT materiaal | 3 | jaar |
Tegen kostprijs gewaardeerde financiële activa worden op balansdatum beoordeeld of het kredietrisico significant gestegen is sinds initiële erkenning. Bijzondere waardeverminderingen worden gemeten volgens een bedrag gelijk aan de verwachte kredietverliezen over de levensduur (Lifetime expected credit losses – ECL's). Tijdens de beoordeling of het kredietrisico van een financieel actief significant gestegen is sinds initiële erkenning en tijdens de inschatting van ECL's, houdt de Groep rekening met redelijke en gefundeerde informatie dewelke relevant en beschikbaar is zonder onnodige kost en/of moeite. Dit omvat zowel kwantitatieve als kwalitatieve informatie en een analyse gebaseerd op de historische ervaring van de Groep en kredietwaardigheidsinformatie, inclusief prospectieve informatie.
Na toepassing van de vermogensmutatiemethode beoordeelt de onderneming of het noodzakelijk is om een waardevermindering te boeken voor haar netto-investering in een geassocieerde onderneming of joint venture. Bijzondere waardeverminderingsverliezen op dergelijke investeringen worden bepaald door vergelijking van de realiseerbare waarde van de investering met de boekwaarde. Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt verwerkt in winst of verlies en wordt teruggenomen in geval van een gunstige verandering in de schattingen die worden gebruikt ter bepaling van de realiseerbare waarde.
De boekwaarden van niet-financiële activa, uitgezonderd uitgestelde belastingvorderingen, worden op iedere balansdatum getoetst om na te gaan of er aanwijzingen zijn dat zij mogelijk een bijzondere waardevermindering hebben ondergaan. Indien dergelijke aanwijzingen bestaan, wordt een schatting gemaakt van de realiseerbare waarde van het actief.
Voor goodwill en immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur of die nog niet gebruiksklaar zijn, wordt op iedere balansdatum de realiseerbare waarde geschat.
De realiseerbare waarde van een actief of kasstroom genererende eenheid (CGU) is de hoogste waarde van de gebruikswaarde en de reële waarde verminderd met verkoopkosten. Om de gebruikswaarde te bepalen, worden de verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tot hun huidige waarde met behulp van een disconteringsvoet voor belastingen die zowel de actuele marktbeoordeling van de tijdwaarde van geld en de risico's inherent aan het actief weergeeft. In het kader van deze analyse worden activa, die niet op individuele basis getoetst kunnen worden, toegewezen aan de kleinste groep van activa die inkomende kasstromen genereren van voortdurend gebruik die grotendeels onafhankelijk zijn van de inkomende kasstromen van andere activa of groep van activa (CGU's).
Goodwill ten gevolge van een bedrijfscombinatie wordt, met het oog op het testen voor waardeverminderingen, toegewezen aan de kasstroom genererende eenheden die het meeste voordeel halen uit de aankoop van de onderneming.
Er wordt een bijzondere waardevermindering opgenomen wanneer de boekwaarde van een actief of de kasstroom genererende eenheid waartoe het actief behoort, hoger is dan de realiseerbare waarde. Bijzondere waardeverminderingsverliezen worden in de resultatenrekening opgenomen.
Waardeverminderingen erkend met betrekking tot kasstroom genererende eenheden worden eerst toegerekend aan de boekwaarde van de goodwill die werd toegekend aan deze CGU en daarna aan de andere activa van de eenheid (of eenheden) op een pro rata basis.
Met betrekking tot goodwill worden bijzondere waardeverminderingsverliezen niet teruggenomen. Met betrekking tot andere activa wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies teruggenomen indien er zich een wijziging heeft voorgedaan in de gehanteerde schattingen bij het bepalen van de realiseerbare waarde waaruit blijkt dat het verlies verminderd is of niet meer bestaat. Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt enkel teruggenomen voor zover de boekwaarde van het actief niet hoger is dan de boekwaarde die bekomen zou zijn, na afschrijvingen, indien geen bijzonder waardeverminderingsverlies zou zijn geboekt.
Vaste activa of een groep van vaste activa die worden afgestoten, worden geclassificeerd als aangehouden voor verkoop indien de boekwaarde hoofdzakelijk door een verkooptransactie zal worden gerealiseerd en niet door het voortgezette gebruik ervan. Onmiddellijk voordat het actief (of component van een groep van vaste activa die worden afgestoten) voor het eerst wordt geclassificeerd als aangehouden voor verkoop, wordt de waardering van het actief herzien op basis van de waarderingsregels van de Groep. Nadien worden de activa (of groep van activa) gewaardeerd tegen het laagste van de boekwaarde en de reële waarde van het activa, verminderd met verkoopkosten. Een bijzonder waardeverminderingsverlies op een groep af te stoten activa en verplichtingen wordt in eerste instantie toegerekend aan goodwill en vervolgens pro rata aan de resterende activa en verplichtingen, met dien verstande dat geen bijzonder waardeverminderingsverlies wordt toegerekend aan activa die niet binnen het toepassingsgebied vallen van IFRS 5 (dewelke blijven gewaardeerd worden op basis van de overige waarderingsregels van de Groep). Immateriële activa en materiële vaste activa aangehouden voor verkoop worden vervolgens niet langer afgeschreven. Verder wordt ook de vermogensmutatie niet langer toegepast na herclassificatie voor geassocieerde ondernemingen en joint ventures.
Verplichtingen met betrekking tot toegezegde bijdrageregelingen worden geboekt als een kost in de resultatenrekening wanneer ze zich voordoen.
De netto verplichting van de Groep uit hoofde van toegezegde pensioenregelingen wordt voor iedere regeling afzonderlijk berekend door een schatting te maken van de pensioenaanspraken die werknemers hebben opgebouwd in de verslagperiode en voorgaande perioden, waarbij dat bedrag verdisconteerd wordt en verminderd met de reële waarde van de fondsbeleggingen. De berekening van toegezegde pensioenverplichtingen wordt jaarlijks uitgevoerd door een gekwalificeerde actuaris volgens de "projected unit credit"-methode. Wanneer de berekening resulteert in een positief saldo voor de Groep, wordt de opname van het actief beperkt tot een bedrag dat maximaal gelijk is aan de contante waarde van economische voordelen in de vorm van eventuele toekomstige terugstortingen door het fonds of lagere toekomstige pensioenpremies. Bij de berekening van de huidige waarde van economische voordelen wordt rekening gehouden met minimale financieringsverplichtingen die van toepassing zijn op de afzonderlijke regelingen van de Groep.
Herwaarderingen van de netto-toegezegde pensioenverplichting, die bestaan uit actuariële winsten en verliezen, het rendement op fondsbeleggingen (exclusief rente) en het effect van het actiefplafond (indien aanwezig, exclusief rente), worden direct verwerkt in niet-gerealiseerde resultaten. De Groep bepaalt de netto intrestkost (-opbrengst) op de netto-toegezegde pensioenverplichting (het actief) over de verslagperiode door de disconteringsvoet die is gebruikt voor het bepalen van de toegezegde pensioenverplichting aan het begin van de het jaar, toe te passen op de toenmalige nettotoegezegde pensioenverplichting (actief), rekening houdend met eventuele wijzigingen in de netto toegezegde pensioenverplichting (actief) gedurende de periode als gevolg van bijdragen en uitkeringen. Netto-intrestkosten en overige kosten met betrekking tot toegezegde pensioenregelingen worden verwerkt in winst of verlies.
Wanneer de voordelen van een toegezegde pensioenregeling worden gewijzigd of ingeperkt, wordt de resulterende impact op het voordeel met betrekking tot de reeds gepresteerde diensten of de winst of verlies op de inperking onmiddellijk in resultaat genomen. De Groep boekt een winst of verlies op de afwikkeling van een dergelijk plan op het moment van afwikkeling.
Belgische toegezegde bijdrageregelingen vallen onder toepassingsgebied van de Wet van 28 april 2003 op de aanvullende pensioenen, kort WAP genoemd. Volgens artikel 24 van deze wet is de werkgever verplicht een minimum rendement van 3,75% op de persoonlijke bijdragen van de werknemer en 3,25% op de bijdragen van de werkgever te garanderen en dit voor betaalde bijdragen tot 31 december 2015. Vanaf januari 2016 dient de werkgever een gemiddeld minimum rendement van 1,75% te garanderen op zowel werknemers- als werkgeversbijdragen (zoals gewijzigd door de Wet van 18 december 2015). Deze minimum rendementsgarantie overtreft over het algemeen het rendement dat gegarandeerd wordt door de verzekeringsmaatschappij. Aangezien de werkgever verplicht wordt een minimum rendement te garanderen, worden niet alle actuariële en investeringsrisico's overgedragen naar de verzekeringsmaatschappijen die deze plannen beheren. Bijgevolg voldoen deze plannen niet aan de IFRS-definitie van toegezegde bijdragenregeling en worden ze als een te bereiken doelplan geclassificeerd. Een actuariële berekening in overeenstemming met IAS 19 gebaseerd op de "projected unit credit (PUC)"-methode wordt uitgevoerd in dit verband.
Ontslagvergoedingen worden opgenomen als een last als de Groep zich op basis van een gedetailleerd formeel plan aantoonbaar heeft verbonden tot de beëindiging van het dienstverband van een werknemer of een groep werknemers vóór de gebruikelijke pensioendatum, zonder realistische mogelijkheid tot intrekking van dat plan. Dit is tevens het geval als de Groep ontslagvergoedingen aanbiedt en zo (een groep) werknemers stimuleert vrijwillig te vertrekken. Ontslagvergoedingen voor vrijwillig ontslag worden opgenomen als een kost als de Groep een aanbod heeft gedaan tot vrijwillig ontslag, als het waarschijnlijk is dat dit aanbod zal worden aangenomen en als het aantal werknemers dat van het aanbod gebruik zal maken betrouwbaar kan worden bepaald. Als ontslagvergoedingen meer dan twaalf maanden na afloop van de verslagdatum betaalbaar zijn, dan worden deze verdisconteerd naar hun huidige waarde.
Korte termijn personeelsbeloningen worden zonder verdiscontering gewaardeerd en als kost opgenomen wanneer de daarmee verband houdende dienst wordt verricht. Er wordt een verplichting geboekt voor het bedrag dat naar verwachting ten gevolge van een korte termijn bonus in contanten of een winstdelingsregeling
zal worden uitbetaald indien de Groep een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft als gevolg van verstreken diensttijd van werknemers en indien deze verplichting betrouwbaar kan worden bepaald.
De reële waarde op toekenningsdatum van in eigen vermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde verloningstransacties aan personeelsleden wordt opgenomen als een personeelskost, met een overeenkomstige verhoging van het eigen vermogen, verdeeld over de periode waarin de werknemers onvoorwaardelijk recht krijgen op de opties. Het als kost op te nemen bedrag wordt aangepast voor het aantal opties waarvoor naar verwachting zal worden voldaan aan de betreffende dienstverleningsvoorwaarden en niet-markt gerelateerde voorwaarden, zodanig dat het uiteindelijk als kost opgenomen bedrag gebaseerd is op het aantal opties waarvoor op de datum waarop de toekenning onvoorwaardelijk wordt daadwerkelijk is voldaan aan de betreffende voorwaarden.
Een voorziening wordt in de balans opgenomen wanneer de Groep een verplichting heeft (in rechte afdwingbaar of feitelijk) als gevolg van gebeurtenissen in het verleden, op betrouwbare wijze kan worden ingeschat en wanneer het waarschijnlijk is dat voor de afwikkeling van de verplichting een uitstroom van middelen noodzakelijk is. Indien het effect belangrijk is, worden voorzieningen aangelegd door de toekomstige verwachte kasstromen te verdisconteren aan een rentevoet voor belastingen die zowel de huidige marktbeoordelingen van de tijdwaarde van geld weerspiegelt als, waar nodig, de specifieke risico's verbonden aan de verplichting.
Herstructureringsvoorzieningen worden aangelegd wanneer de Groep een gedetailleerd en formeel herstructureringsplan heeft goedgekeurd, en wanneer de herstructurering ofwel reeds is aangevat ofwel publiekelijk bekend is gemaakt. Er wordt geen voorziening aangelegd voor toekomstige exploitatiekosten.
Een voorziening voor verlieslatende contracten wordt geboekt wanneer het voordeel dat de Groep uit een contract verwacht te halen lager is dan de onvermijdelijke kosten die verbonden zijn aan de naleving van het contract. De provisie wordt gewaardeerd aan de huidige waarde van het laagste van de verwachte kost om het contract te verbreken en van de verwachte kost om het contract verder te zetten. Voordat een voorziening wordt opgenomen, verwerkt de Groep eerst een eventueel bijzonder waardeverminderingsverlies op de activa die gerelateerd zijn aan het contract.
De Groep en/of haar joint ventures verwerven inkomsten van bevrachters als gevolg van het gebruik van haar activa. Deze activa worden gecharterd als gevolg van reis/spotcharters, tijdcharters, rompcharters en poolinkomsten:
parameters: scheepsinhoud (= capaciteit van het schip), snelheid, brandstofverbruikprestaties en daadwerkelijk gehuurde dagen. De TCE-inkomsten van onze schepen die in de pool actief zijn, zijn gelijk aan de poolpuntwaardering van elk schip vermenigvuldigd met de verhuurde tijd, zoals gerapporteerd door de poolmanager. Inkomsten uit deze variabele tijdcharterovereenkomsten waarbij schepen in dienst zijn van de pool, worden geboekt volgens IFRS 15 Opbrengsten uit contracten met klanten.
Inkomsten uit verleende diensten, zoals scheepsmanagement, engineering en technische bijstand, worden in de resultatenrekening opgenomen naarmate de diensten worden verleend. De klant ontvangt en verbruikt tegelijkertijd de voordelen die voortvloeien uit de prestaties van de entiteit naarmate de entiteit de prestaties verricht (recurrente diensten). Facturen en gerelateerde betalingstermijnen zijn afhankelijk van individuele contractuele voorwaarden.
Inkomsten uit het in licentie geven van intellectuele eigendom van EXMAR worden over het algemeen gespreid in de tijd opgenomen, samen met de onderliggende geleverde diensten op basis van bestede tijd en materiaal. Indien de licentie-inkomsten als afzonderlijk en onderscheiden worden beschouwd binnen de context van het contract, worden deze inkomsten opgenomen op het moment dat EXMAR voldoet aan de prestatieverplichting en de controle wordt overgedragen aan de klant.
Opbrengsten uit de verkoop van activa worden in de resultatenrekening opgenomen wanneer de controle van de goederen onderliggend aan de betreffende prestatieverplichting overgedragen wordt aan de klant. Voor de verkoop van een schip wordt de controle overgedragen aan de klant op het moment dat het schip geleverd wordt aan de klant. Facturen en gerelateerde betalingstermijnen zijn afhankelijk van de individuele contractuele voorwaarden.
Wanneer de Groep bij een transactie als tussenpersoon (agent) optreedt in plaats van als hoofdpartij, zijn de erkende opbrengsten het nettobedrag van de commissies waarop de Groep recht heeft.
Bij de start van een overeenkomst bepaalt de Groep of de overeenkomst een leasingcontract is of omvat. Een contract is of bevat een leasingcontract wanneer het contract een recht bevat om een geïdentificeerd actief te controleren voor een bepaalde periode in ruil voor een vergoeding.
Bij aanvang of bij wijziging van een contract welke een leasingcomponent omvat, zal de Groep de vergoeding in het contract verdelen over de leasingcomponent en de niet-leasingcomponent op basis van hun relatieve op zichzelf staande prijzen.
De Groep erkent een gebruiksrecht en een leaseverplichting bij de start van het leasing contract. Het gebruiksrecht wordt initieel gewaardeerd aan kostprijs, deze kostprijs omvat het initiële bedrag van de leaseverplichting aangepast voor leasebetalingen gedaan op of voor de startdatum van de lease vermeerderd met direct toewijsbare kosten en ingeschatte kosten om het gerelateerde actief te ontmantelen of te verwijderen of om het gerelateerde actief te herstellen of de locatie waar het actief zich bevindt in zijn oorspronkelijke staat te herstellen. Verkregen lease voordelen dienen in mindering van de kostprijs gebracht te worden.
Het gebruiksrecht wordt vervolgens afgeschreven volgens de lineaire methode vanaf de start van het leasingcontract tot de einddatum van het leasingcontract, tenzij het leasingcontract eigendom transfereert op het einde van de leasetermijn of de kostprijs van het recht-op-gebruik het uitoefenen van een aankoopoptie door de Groep weerspiegelt. In dit geval wordt het gebruiksrecht afgeschreven over de geschatte gebruiksduur van het actief, welke bepaald wordt op dezelfde manier als deze van andere materiële vaste activa. Bijkomend wordt het gebruiksrecht verminderd met waardeverminderingen indien van toepassing en aangepast voor bepaalde herwaarderingen van de leaseverplichting.
De leaseverplichting wordt initieel gewaardeerd aan de huidige waarde van de toekomstige leasebetalingen op de startdatum van het leasingcontract, verdisconteerd aan het impliciete intrestpercentage van het leasingcontract of wanneer dit percentage niet kan bepaald worden, dan gebruikt de Groep haar marginale rentevoet als verdisconteringspercentage.
Algemeen gesteld gebruikt de Groep haar marginale rentevoet als verdisconteringspercentage. De marginale rentevoet wordt bepaald door rentevoeten te bekomen van verschillende externe financieringsbronnen en bepaalde aanpassingen te doen in het kader van de voorwaarden van het leasingcontract en het type actief.
Leasebetalingen opgenomen in de waardering van de leaseverplichting omvatten het volgende:
• De uitoefenprijs onder een aankoopoptie welke de Groep zo goed als zeker zal uitoefenen, leasebetalingen in een optionele periode van verlenging als de Groep zo goed als zeker deze optie zal uitoefenen en contractuele boetes voor vervroegde stopzetting tenzij de Groep zo goed als zeker niet vervroegd zal stopzetten.
De leaseverplichting wordt gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs volgens de effectieve intrestmethode. De leaseverplichting wordt geherwaardeerd wanneer er een wijziging is in toekomstige leasebetalingen als gevolg van een wijziging in index of tarief, een wijziging in het geschatte bedrag te betalen onder een restwaardegarantie of indien van toepassing, wijzigingen in de inschattingen van uitoefeningen van aankoopopties, verlengopties of beëindigingsopties of wanneer er een aanpassing is van in hoofdzaak vaste lease betalingen.
Wanneer er een aanpassing is van de leaseverplichting in bovenstaand verband, dan wordt een corresponderende aanpassing gedaan aan de boekwaarde van gebruiksrecht of wordt in resultaat geboekt indien wanneer het gebruiksrecht verminderd werd tot nul.
De Groep presenteert het gebruiksrecht apart in de balans en de leaseverplichtingen zijn opgenomen onder de rubriek "Leningen".
De Groep heeft ervoor geopteerd om geen gebruiksrecht en gerelateerde leaseverplichting te erkennen voor korte termijn leasingcontracten en leasingcontracten met immateriële waarde. De Groep erkent deze leasebetalingen als een kost volgens de lineaire methode over de leasingtermijn.
Bij aanvang of bij wijziging van een contract welke een leasingcomponent omvat, zal de Groep de vergoeding in het contract verdelen over de leasingcomponent en de niet-leasingcomponent op basis van hun relatieve afzonderlijke prijzen.
Wanneer de Groep optreedt als leasinggever, dan bepaalt het bij de start van een leasingcontract of een leasingcontract een financiële of een operationele lease is.
Om de leasing classificatie te bepalen, beoordeelt de Groep of nagenoeg alle aan de eigendom van een onderliggend actief verbonden risico's en voordelen worden overgedragen. Wanneer dit het geval is, dan is het leasingcontract een financiële lease; indien niet, dan is het leasingcontract een operationele lease. Bij deze beoordeling houdt de Groep rekening met bepaalde indicatoren, waaronder of de lease betrekking heeft op het grootste gedeelte van de economische levensduur van het actief.
Wanneer een contract lease een niet-lease componenten omvat, dan past de Groep IFRS 15 toe om de vergoeding toe te wijzen aan het contract.
De Groep erkent leasebetalingen ontvangen onder een operationeel leasingcontract als opbrengsten volgens de lineaire methode over de leasingtermijn van het contract.
Overheidssubsidies worden, zodra er redelijke zekerheid bestaat dat zij zullen worden ontvangen en dat de Groep zal voldoen aan de daaraan verbonden voorwaarden, bij eerste opname in de balans opgenomen als over te dragen opbrengsten en gewaardeerd tegen reële waarde en worden nadien systematisch in resultaat verantwoord als overige bedrijfsopbrengsten gedurende de gebruiksduur van het actief. Subsidies ter compensatie van door de Groep gemaakte kosten worden geboekt in de winst- en verliesrekening in de periode waarin de kosten erkend worden.
Financiële opbrengsten omvatten ontvangen intresten, dividenden, wisselkoersopbrengsten, opbrengsten uit de verkoop van overige investeringen en opbrengsten uit de wijziging van de reële waarde van financiële activa verwerkt via het overzicht van gerealiseerde resultaten. Intresten worden pro rata temporis in resultaat opgenomen rekening houdend met de effectieve opbrengstvoet. Dividenden worden geboekt op het moment waarop ze worden toegekend.
De financiële kosten omvatten intresten op leningen, wisselkoersverliezen, verdisconteringseffect van voorzieningen, verliezen uit de wijziging van de reële waarde van financiële instrumenten die opgenomen worden in de resultatenrekening, bijzondere waardeverminderingsverliezen op financiële activa en verliezen op afdekkingsverrichtingen die opgenomen worden in de resultatenrekening.
Financieringskosten die niet rechtstreeks toewijsbaar zijn aan het aankopen of gebruiksklaar maken van activa, worden in winst of verlies opgenomen op basis van de effectieve rentemethode.
Wisselkoerswinsten en -verliezen worden netto gepresenteerd per munt als zijnde financiële opbrengsten of financiële kosten.
De belastingen op het resultaat van het boekjaar omvatten over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare en uitgestelde belastingen. Ze worden opgenomen in de winst- en verliesrekening, behalve wanneer ze gerelateerd zijn aan een bedrijfscombinatie of wanneer deze betrekking hebben op bestanddelen die rechtstreeks in het eigen vermogen of in het overzicht van niet gerealiseerde resultaten worden geboekt.
De verschuldigde en verrekenbare belastingen zijn de belastingen verschuldigd op de belastbare winst van het boekjaar, berekend volgens de belastingtarieven die gelden op datum van afsluiting van het boekjaar, en voorts ook belastingcorrecties die betrekking hebben op voorgaande boekjaren. Actuele belastingvorderingen en -verplichtingen worden uitsluitend gecompenseerd als aan bepaalde criteria wordt voldaan.
De uitgestelde belastingen worden berekend op alle tijdelijke verschillen tussen de boekwaarde en de fiscale waarde. De volgende tijdelijke verschillen worden niet voorzien: de initiële erkenning van goodwill, de initiële erkenning van activa of passiva in een transactie dat geen bedrijfscombinatie is en die geen invloed heeft op zowel boekhoudkundige winst als fiscale winst en verschillen met betrekking tot investeringen in deelnemingen, geassocieerde ondernemingen en joint ventures voor zover dat de Groep in staat is het tijdstip van de terugname te beïnvloeden en het waarschijnlijk is dat deze zich niet zullen omkeren in de voorzienbare toekomst.
Uitgestelde belastingen worden gewaardeerd op basis van de belastingtarieven die naar verwachting van toepassing zullen zijn bij afloop van de tijdelijke verschillen, op basis van belastingtarieven die op balansdatum zijn vastgesteld. Actieve belastinglatenties worden enkel geboekt indien het voldoende zeker is dat belastingkredieten, de niet-gebruikte fiscale verliezen en de aftrekbare tijdelijke verschillen in de toekomst met belastbare winsten verrekend kunnen worden.
Actieve belastinglatenties worden verminderd zodra het niet langer waarschijnlijk is dat dit belastingvoordeel zich zal realiseren. Niet-opgenomen uitgestelde belastingvorderingen worden op iedere verslagdatum opnieuw beoordeeld en worden opgenomen zodra het waarschijnlijk is dat er in de toekomst belastbare winsten beschikbaar zijn, waartegen ze kunnen worden gebruikt. Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden uitsluitend gesaldeerd als aan bepaalde criteria wordt voldaan.
In overeenstemming met IAS 12 wordt "tonnage tax" niet als inkomstenbelasting maar als overige kost opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Een segment is een onderdeel van de Groep met betrekking tot een operationele activiteit die inkomsten genereert en uitgaven maakt, met inbegrip van inkomsten en uitgaven afkomstig van transacties met andere onderdelen van de Groep. Het operationele resultaat van de segmenten wordt op een regelmatige basis door het management bekeken om zo beslissingen te nemen met betrekking tot de allocatie van middelen en om de prestaties van een segment te beoordelen.
Het resultaat van een segment omvat alle opbrengsten en kosten die rechtstreeks door dit segment worden gegenereerd, inclusief het deel van de te alloceren opbrengsten en kosten die redelijkerwijs aan het segment kan worden toegewezen. De activa en passiva van een segment omvatten als minimum de activa en passiva dewelke periodiek gerapporteerd worden aan de "Chief operating decision maker", zijnde de CEO van de Groep en de overige leden van het directiecomité.
De investeringen van het segment omvatten de aankoopkost van materiële en immateriële vaste activa voor de periode.
De Groep presenteert gewone en verwaterde winst per aandeel voor de gewone aandelen. De gewone winst per aandeel wordt bekomen door het resultaat toewijsbaar aan de gewone aandeelhouders te delen door het gewogen gemiddeld aantal uitstaande aandelen minus aantal eigen aandelen over de periode. Verwaterde winst per aandeel wordt berekend door het resultaat toewijsbaar aan de gewone aandeelhouders en het gewogen gemiddeld aantal aandelen minus eigen aandelen te corrigeren voor het effect van alle mogelijke verwateringen van de gewone aandelen zoals aandelenopties toegekend aan personeelsleden.
Een beëindigde bedrijfsactiviteit is een component van de onderneming van de Groep, waarvan de activiteiten en kasstromen duidelijk te onderscheiden zijn van de rest van de Groep, en die een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografisch bedrijfsgebied vertegenwoordigt; die deel uitmaakt van één gecoördineerd plan om een afzonderlijke belangrijke bedrijfsactiviteit of geografisch gebied af te stoten; of een dochteronderneming is die uitsluitend is overgenomen met de bedoeling te worden doorverkocht. De classificatie naar beëindigde bedrijfsactiviteiten vindt plaats bij verkoop of wanneer het onderdeel aan de criteria voldoet om aangehouden te worden voor verkoop. Wanneer een bedrijfsactiviteit geclassificeerd wordt als aangehouden voor verkoop, wordt de presentatie van de vergelijkende cijfers in de resultatenrekening aangepast.
Met betrekking tot joint ventures, blijft de onderneming haar activiteiten beheren gebaseerd op de interne management rapportering volgens de proportionele consolidatie methode. De reconciliatie van de segmentrapportering met de geconsolideerde balans en het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten wordt weergegeven onder Toelichting 3 Reconciliatie segmentrapportering. Alle verschillen hebben betrekking op de toepassing van IFRS 11 Gezamenlijke overeenkomsten, er zijn geen andere verschillen van toepassing.
De Groep heeft momenteel 3 rapporteringssegmenten. Deze segmenten weerspiegelen het niveau waarop de CEO en het directiecomité naar het bedrijf kijken en beslissingen nemen over de verdeling van middelen en andere operationele zaken. Deze segmenten leveren verschillende diensten en producten en worden afzonderlijk geleid.
De structuur van de Groep en het management is niet gebaseerd op geografische informatie (vaste activa en omzet per belangrijkste land) aangezien de vloot van de onderneming ingezet wordt op een wereldwijde basis. De intra-segment opbrengsten hebben voornamelijk betrekking op verleende diensten met betrekking tot managementactiviteiten, supervisie en bemanning van schepen.
Een belangrijke Shipping klant Equinor (ex-Statoil) vertegenwoordigt 19,9% (2020: 20,5%) van de opbrengsten van het Shipping segment en 14,3% (2020: 12,1%) van de totale geconsolideerde opbrengsten in 2021. Het resterend deel van de Shipping opbrengsten wordt vertegenwoordigd door 14 verschillende klanten. Gunvor vertegenwoordigt 30,6% (2020: 36,7%) van de opbrengst van het Infrastructure segment en 5,7% (2020: 10,6%) van de opbrengsten van de EXMAR Groep in 2021. YPF vertegenwoordigde in 2020 17,3% van de opbrengst van het Infrastructure segment en 5,0% van de opbrengsten van de EXMAR Groep, vergeleken met 0% in 2021. De vernoemde percentages werden berekend exclusief de schikkingsvergoedingen. Er zijn geen andere klanten die meer dan 10,0% van de geconsolideerde opbrengsten van EXMAR vertegenwoordigen in 2021.
| (In duizenden USD) | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN | |||||
| GEREALISEERDE RESULTATEN | Shipping | Infrastructure | Diensten | Eliminaties | Totaal |
| Externe opbrengsten | 136.013 | 91.986 | 19.047 | 0 | 247.046 |
| Intra-segment opbrengsten | 1.667 | 781 | 7.503 | -9.951 | 0 |
| Totale opbrengsten | 137.680 | 92.767 | 26.550 | -9.951 | 247.046 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 171 | 0 | 33 | 0 | 204 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 747 | 102 | 253 | -113 | 990 |
| Bedrijfsopbrengsten | 138.598 | 92.869 | 26.836 | -10.064 | 248.239 |
| Bedrijfsresultaat vóor afschrijvingen en | |||||
| waardeverminderingen (EBITDA) | 65.054 | 54.420 | -5.987 | 0 | 113.486 |
| Afschrijvingen | -43.918 | -17.225 | -984 | 0 | -62.126 |
| Waardeverminderingen en terugnames | 5.700 | -20.063 | -23 | 0 | -14.385 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 26.836 | 17.132 | -6.994 | 0 | 36.975 |
| Intrestopbrengsten (niet-interco) | -4 | 1.179 | 162 | 0 | 1.337 |
| Intrestopbrengsten interco | 1 | 0 | 13.083 | -13.084 | 0 |
| Intrestkosten (niet-interco) | -15.009 | -11.194 | -140 | 0 | -26.343 |
| Intrestkosten interco | -334 | -12.749 | -1 | 13.084 | 0 |
| Andere financiële opbrengsten | 1.062 | 4.014 | 6.350 | -1.000 | 10.426 |
| Andere financiële kosten | -1.709 | -4.743 | -1.812 | 1.000 | -7.264 |
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en | |||||
| joint ventures (na belastingen) | 0 | -1.638 | 138 | 0 | -1.499 |
| Belastingen op het resultaat | -182 | -695 | -1.119 | 0 | -1.997 |
| Segment resultaat voor de periode | 10.660 | -8.694 | 9.668 | 0 | 11.635 |
| Toe te rekenen aan: | |||||
| Minderheidsbelang | 35 | ||||
| Aandeelhouders van de vennootschap | 11.600 |
| (In duizenden USD) GECONSOLIDEERDE BALANS |
Shipping | Infrastructure | Diensten | Eliminaties | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Activa | |||||
| Schepen en platformen | 555.353 | 409.128 | 0 | 0 | 964.481 |
| Andere materiële vaste activa | 52 | 240 | 982 | 1.274 | |
| Immateriële activa | 0 | 14 | 68 | 82 | |
| Gebruiksrechten | 16.122 | 2.969 | 2.266 | 21.356 | |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 0 | 2.969 | 2.400 | 5.369 | |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 0 | 9.848 | -1.957 | 7.890 | |
| Activa aangehouden voor verkoop | 17.709 | 0 | 0 | 17.709 | |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 1.761 | 76.121 | 0 | 77.882 | |
| Kas en kasequivalenten | 35.843 | 10.869 | 60.362 | 107.074 | |
| Totale segment activa | 626.840 | 512.157 | 64.121 | 0 | 1.203.118 |
| Niet-toegewezen overige investeringen | 1.849 | ||||
| Niet-toegewezen handels- en overige vorderingen | 70.462 | ||||
| Niet-toegewezen overige activa | 2.684 | ||||
| Totale activa | 1.278.113 | ||||
| Verplichtingen | |||||
| Lange termijn leningen | 413.621 | 116.216 | 1.665 | 531.502 | |
| Korte termijn leningen | 56.206 | 88.578 | 661 | 145.445 | |
| Lange termijn voorzieningen | 2.347 | 0 | 800 | 3.147 | |
| Korte termijn afgeleide financiële instrumenten | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| Totaal segment verplichtingen | 472.173 | 204.795 | 3.126 | 0 | 680.094 |
| Niet-toegewezen eigen vermogen | 536.502 | ||||
| Niet-toegewezen handels- en overige schulden | 59.474 | ||||
| Niet-toegewezen overige verplichtingen | 2.044 | ||||
| Totaal eigen vermogen en verplichtingen | 1.278.113 | ||||
| KASSTROOMOVERZICHT | |||||
| Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 48.645 | 26.710 | 88.766 | 164.121 | |
| Kasstroom uit investeringsactiviteiten | -135.473 | -2.548 | 255 | -137.765 | |
| Kasstroom uit financieringsactiviteiten | 94.946 | -21.611 | -45.645 | 27.691 | |
| Wisselkoersfluctuaties | -706 | ||||
| Totale kasstroom | 8.119 | 2.551 | 43.376 | 0 | 53.340 |
| Investeringen | -141.768 | -1.958 | -250 | -143.976 |
|---|---|---|---|---|
| Inkomsten uit verkoop | 6.296 | 0 | 189 | 6.485 |
| (In duizenden USD) | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| GECONSOLIDEERD OVERZICHT VAN | |||||
| GEREALISEERDE RESULTATEN | Shipping | Infrastructure | Diensten | Eliminaties | Totaal |
| Externe opbrengsten | 130.951 | 213.126 | 40.082 | 0 | 384.159 |
| Intra-segment opbrengsten | 3.849 | 165 | 6.718 | -10.732 | 0 |
| Totale opbrengsten | 134.800 | 213.291 | 46.800 | -10.732 | 384.159 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 49 | 1 | 45 | 0 | 95 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 345 | 174 | 1.051 | 0 | 1.570 |
| Bedrijfsopbrengsten | 135.194 | 213.466 | 47.896 | -10.732 | 385.824 |
| Bedrijfsresultaat vóor afschrijvingen en | |||||
| waardeverminderingen (EBITDA) | 68.058 | 161.002 | 10.795 | 0 | 239.855 |
| Afschrijvingen | -44.429 | -25.184 | -1.059 | 0 | -70.672 |
| Waardeverminderingen en terugnames | -31.469 | -41 | -27 | 0 | -31.537 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | -7.840 | 135.777 | 9.709 | 0 | 137.646 |
| Intrestopbrengsten (niet-interco) | 183 | 1.117 | 60 | 0 | 1.360 |
| Intrestopbrengsten interco | 193 | 191 | 17.752 | -18.136 | 0 |
| Intrestkosten (niet-interco) | -14.648 | -14.067 | -851 | 0 | -29.566 |
| Intrestkosten interco | -749 | -17.177 | -210 | 18.136 | 0 |
| Andere financiële opbrengsten | 767 | 394 | 527 | 0 | 1.688 |
| Andere financiële kosten | -4.049 | -5.597 | -6.449 | 0 | -16.095 |
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en | |||||
| joint ventures (na belastingen) | 0 | -2.139 | 89 | 0 | -2.050 |
| Belastingen op het resultaat | -66 | -451 | -506 | 0 | -1.023 |
| Segment resultaat voor de periode | -26.209 | 98.048 | 20.121 | 0 | 91.960 |
| Toe te rekenen aan: | |||||
| Minderheidsbelang | 25 | ||||
| Aandeelhouders van de Vennootschap | 91.934 |
| (In duizenden USD) GECONSOLIDEERDE BALANS |
Shipping | Infrastructure | Diensten | Eliminaties | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Activa | |||||
| Schepen en platformen | 453.124 | 443.088 | 0 | 0 | 896.212 |
| Andere materiële vaste activa | 65 | 328 | 1.287 | 1.680 | |
| Immateriële activa | 0 | 13 | 60 | 73 | |
| Gebruiksrechten | 22.784 | 2.200 | 953 | 25.937 | |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 0 | 5.285 | 1.846 | 7.131 | |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 0 | 6.360 | 0 | 6.360 | |
| Activa aangehouden voor verkoop | 11.619 | 0 | 0 | 11.619 | |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 1.761 | 75.575 | 0 | 77.336 | |
| Kas en kasequivalenten | 27.758 | 8.433 | 17.543 | 53.734 | |
| Totale segment activa | 517.111 | 541.282 | 21.689 | 0 | 1.080.082 |
| Niet-toegewezen overige investeringen | 1.354 | ||||
| Niet-toegewezen handels- en overige vorderingen | 144.363 | ||||
| Niet-toegewezen overige activa | 3.487 | ||||
| Totale activa | 1.229.286 | ||||
| Verplichtingen | |||||
| Lange termijn leningen | 300.940 | 205.907 | 438 | 507.285 | |
| Korte termijn leningen | 88.369 | 18.999 | 4.287 | 111.655 | |
| Lange termijn voorzieningen | 1.761 | 0 | 0 | 1.761 | |
| Korte termijn afgeleide financiële instrumenten | 1.078 | 0 | 0 | 1.078 | |
| Totaal segment verplichtingen | 392.148 | 224.906 | 4.725 | 0 | 621.779 |
| Niet-toegewezen eigen vermogen | 545.915 | ||||
| Niet-toegewezen handels- en overige schulden | 54.834 | ||||
| Niet-toegewezen overige verplichtingen | 6.758 | ||||
| Totaal eigen vermogen en verplichtingen | 1.229.286 | ||||
| KASSTROOMOVERZICHT | |||||
| Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 54.490 | 19.870 | 29.127 | 103.487 | |
| Kasstroom uit investeringsactiviteiten | -26.729 | -1.276 | 2.028 | -25.977 | |
| Kasstroom uit financieringsactiviteiten | -48.707 | -23.751 | -30.269 | -102.727 | |
| Wisselkoersfluctuaties | 1.708 | ||||
| Totale kasstroom | -20.946 | -5.157 | 886 | 0 | -23.509 |
| BIJKOMENDE INFORMATIE | |||||
| Investeringen | -26.729 | -1.060 | -192 | -27.981 | |
| Inkomsten uit verkoop | 0 | 0 | 91 | 91 |
Management kijkt de financiële informatie van elk operationeel segment na op basis van de proportionele consolidatiemethode. De onderstaande tabellen reconciliëren de financiële informatie zoals weergegeven in de geconsolideerde balans en in de geconsolideerde resultatenrekening (dewelke opgesteld werden in overeenstemming met IFRS 11 volgens de vermogensmutatiemethode) met de financiële informatie weergegeven in Toelichting 2 Segmentrapportering (dewelke werden opgesteld volgens de proportionele consolidatiemethode).
| (In duizenden USD) | Proportionele | Vermogensmutatie | |
|---|---|---|---|
| VOOR HET JAAR EINDIGEND OP 31 DECEMBER 2021 | consolidatie | Verschil | methode |
| Opbrengsten | 247.046 | -98.816 | 148.229 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 204 | -151 | 52 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 990 | 0 | 990 |
| Operationele kosten van schepen | -80.634 | 35.565 | -45.068 |
| Algemene en administratieve kosten | -25.149 | 613 | -24.536 |
| Personeelskosten | -27.355 | 6 | -27.349 |
| Afschrijvingen | -62.126 | 30.762 | -31.364 |
| Waardeverminderingen en terugnames | -14.385 | -3.200 | -17.585 |
| Verlies gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | -143 | 43 | -100 |
| Overige bedrijfskosten | -1.473 | 585 | -888 |
| Resultaat uit bedrijfsactiviteiten | 36.975 | -34.593 | 2.382 |
| Intrestopbrengsten | 1.337 | 200 | 1.537 |
| Intrestkosten | -26.343 | 10.817 | -15.526 |
| Andere financiële opbrengsten | 10.426 | -229 | 10.198 |
| Andere financiële kosten | -7.264 | 479 | -6.785 |
| Resultaat voor belastingen en voor aandeel in het resultaat in | |||
| geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 15.131 | -23.326 | -8.195 |
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en joint | |||
| ventures (na belastingen) | -1.499 | 23.268 | 21.769 |
| Belastingen op het resultaat | -1.997 | 58 | -1.939 |
| Resultaat van de periode | 11.635 | 0 | 11.635 |
| (In duizenden USD) | Proportionele | Vermogensmutatie | |
|---|---|---|---|
| 31 DECEMBER 2021 | consolidatie | Verschil | methode |
| Schepen en platformen | 964.481 | -316.045 | 648.436 |
| Andere materiële vaste activa | 1.274 | 0 | 1.274 |
| Immateriële activa | 82 | 0 | 82 |
| Gebruiksrechten | 21.356 | -15.356 | 6.000 |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 5.369 | 89.309 | 94.678 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 4 | 16.838 | 16.841 |
| Afgeleide financiële instrumenten | 761 | -761 | 0 |
| Vaste activa | 993.327 | -226.015 | 767.312 |
| Activa aangehouden voor verkoop | 17.709 | -5.209 | 12.500 |
| Afgeleide financiële instrumenten | 920 | 0 | 920 |
| Overige investeringen | 1.849 | 0 | 1.849 |
| Handels- en overige vorderingen | 70.462 | -15.308 | 55.154 |
| Korte termijn leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 7.887 | 7.520 | 15.407 |
| Actuele belastingvorderingen | 1.003 | 0 | 1.003 |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 77.882 | -1.761 | 76.121 |
| Kas en kasequivalenten | 107.074 | -35.945 | 71.130 |
| Vlottende activa | 284.787 | -50.703 | 234.083 |
| Totale activa | 1.278.113 | -276.718 | 1.001.395 |
| Eigen vermogen | 536.502 | 1 | 536.503 |
| Leningen | 531.502 | -217.686 | 313.816 |
| Personeelsbeloningen | 730 | 0 | 730 |
| Lange termijn voorzieningen | 3.147 | -2.347 | 800 |
| Verplichtingen op lange termijn | 535.379 | -220.032 | 315.347 |
| Leningen | 145.445 | -34.450 | 110.995 |
| Handels- en overige schulden | 59.474 | -22.233 | 37.241 |
| Te betalen winstbelastingen | 1.314 | -5 | 1.309 |
| Verplichtingen op korte termijn | 206.233 | -56.687 | 149.546 |
| Totaal eigen vermogen en verplichtingen | 1.278.113 | -276.718 | 1.001.395 |
| (In duizenden USD) | Proportionele | Vermogensmutatie | |
|---|---|---|---|
| VOOR HET JAAR EINDIGEND OP 31 DECEMBER 2020 | consolidatie | Verschil | methode |
| Opbrengsten | 384.159 | -99.005 | 285.154 |
| Winst gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | 95 | 0 | 95 |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 1.570 | -36 | 1.534 |
| Operationele kosten van schepen | -84.819 | 35.969 | -48.850 |
| Algemene en administratieve kosten | -30.312 | 506 | -29.806 |
| Personeelskosten | -30.807 | 185 | -30.622 |
| Afschrijvingen | -70.672 | 33.402 | -37.270 |
| Waardeverminderingen en terugnames | -31.537 | 30.469 | -1.068 |
| Verlies gerealiseerd bij verkoop van vaste activa | -4 | 0 | -4 |
| Overige bedrijfskosten | -28 | 28 | 0 |
| Resultaat uit bedrijfsactiviteiten | 137.646 | 1.519 | 139.164 |
| Intrestopbrengsten | 1.360 | 598 | 1.958 |
| Intrestkosten | -29.566 | 11.998 | -17.568 |
| Andere financiële opbrengsten | 1.688 | -179 | 1.508 |
| Andere financiële kosten | -16.095 | 1.841 | -14.254 |
| Resultaat voor belastingen en voor aandeel in het resultaat in | |||
| geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 95.033 | 15.776 | 110.809 |
| Aandeel in het resultaat in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | |||
| (na belastingen) | -2.050 | -15.780 | -17.830 |
| Belastingen op het resultaat | -1.023 | 3 | -1.020 |
| Resultaat van de periode | 91.960 | 0 | 91.960 |
| (In duizenden USD) | Proportionele | Vermogensmutatie | |
|---|---|---|---|
| 31 DECEMBER 2020 | consolidatie | Verschil | methode |
| Schepen en platformen | 896.212 | -334.789 | 561.424 |
| Andere materiële vaste activa | 1.680 | 0 | 1.680 |
| Immateriële activa | 73 | 0 | 73 |
| Gebruiksrechten | 25.937 | -22.476 | 3.461 |
| Lange termijn vorderingen | 24.444 | 0 | 24.444 |
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 7.131 | 66.168 | 73.298 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 6.360 | 23.453 | 29.813 |
| Vaste activa | 961.838 | -267.645 | 694.193 |
| Activa aangehouden voor verkoop | 11.619 | -1.619 | 10.000 |
| Overige investeringen | 1.354 | 0 | 1.354 |
| Handels- en overige vorderingen | 118.419 | -10.783 | 107.636 |
| Korte termijn leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 1.500 | 10.000 | 11.500 |
| Actuele belastingvorderingen | 3.487 | -15 | 3.472 |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 77.336 | -1.761 | 75.575 |
| Kas en kasequivalenten | 53.734 | -25.539 | 28.195 |
| Vlottende activa | 267.449 | -29.717 | 237.732 |
| Totale activa | 1.229.286 | -297.362 | 931.924 |
| Eigen vermogen | 545.915 | 0 | 545.915 |
| Leningen | 507.285 | -230.697 | 276.588 |
| Personeelsbeloningen | 1.715 | 0 | 1.715 |
| Lange termijn voorzieningen | 1.761 | -1.761 | 0 |
| Verplichtingen op lange termijn | 510.761 | -232.458 | 278.304 |
| Leningen | 111.655 | -46.624 | 65.031 |
| Handels- en overige schulden | 54.834 | -17.202 | 37.632 |
| Te betalen winstbelastingen | 5.043 | 0 | 5.043 |
| Korte termijn afgeleide financiële instrumenten | 1.078 | -1.078 | 0 |
| Verplichtingen op korte termijn | 172.610 | -64.904 | 107.706 |
| Totaal eigen vermogen en verplichtingen | 1.229.286 | -297.362 | 931.924 |
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Shipping segment | 36.414 | 31.311 |
| Infrastructure segment - gewone opbrengsten | 32.710 | 61.618 |
| Infrastructure segment - schikkingsvergoedingen | 56.840 | 149.144 |
| Diensten segment - gewone opbrengsten | 21.768 | 30.121 |
| Diensten segment - schikkingsvergoedingen | 497 | 12.960 |
| Opbrengsten | 148.229 | 285.154 |
De stijging van de totale bedrijfsopbrengsten in het segment Shipping is voornamelijk het gevolg van de nieuwe charterovereenkomsten voor de twee nieuwbouw VLGC's, FLANDERS INNOVATION sinds midden augustus 2021 en FLANDERS PIONEER sinds november 2021.
De gewone opbrengsten in het segment Infrastructure daalden aanzienlijk als gevolg van de inactiviteit van de TANGO FLNG sinds april 2020 en FSRU S188 sinds juni 2021.
In 2020 heeft YPF S.A. overmacht ingeroepen in het kader van de charterovereenkomst en de dienstverleningsovereenkomst voor de TANGO FLNG en in oktober 2020 hebben EXMAR en YPF een schikkingsovereenkomst bereikt voor een nettobedrag van USD 149,1 miljoen als vergoeding voor de vervroegde afwikkeling van de overeenkomsten en de intrekking van de arbitrageprocedure. In overeenstemming met IFRS 15 werd de volledige schikkingsvergoeding opgenomen in het resultaat van 2020. Per 31 december 2020 stond er nog een bedrag van USD 109,8 miljoen uit met betrekking tot de schikkingsvergoeding en dit in overeenstemming met het overeengekomen betalingsschema tussen beide partijen (USD 85,3 miljoen in 2021 en USD 24,4 miljoen in 2022, zie Toelichting 19 Handels- en overige vorderingen).
In 2021 heeft Gunvor de charterovereenkomst van de FSRU S188 opgezegd en een vervroegde beëindigingsvergoeding van USD 56,8 miljoen betaald.
De daling van de opbrengsten in het segment Diensten houdt verband met het lagere aantal schepen in scheepsbeheer, voornamelijk veroorzaakt door de beëindiging van de scheepsbeheerscontracten van zeven schepen van Excelerate Energy in het voorgaande jaar (zie hieronder).
In 2020 heeft het segment Diensten de volledige opzeggingsvergoeding van USD 13,0 miljoen, ontvangen van Excelerate Energy, opgenomen in de opbrengsten. In februari 2019 heeft Excelerate Energy, via de respectievelijke ondernemingen die eigenaar zijn van elk schip, de scheepsbemanningsovereenkomsten voor hun zeven schepen onder scheepsbeheer bij EXMAR Shipmanagement, opgezegd. In overeenstemming met de contractueel overeengekomen stopzetting clausules diende een opzegtermijn tot twee jaar in acht te worden genomen en was er een opzegvergoeding betaalbaar aan EXMAR Shipmanagement. Een overgangsregeling, eigen aan de operaties van elk schip, en een betalingsschema van de opzegvergoeding werd overeengekomen tussen partijen einde 2019.
Opbrengsten binnen het toepassingsgebied van IFRS 16 Leaseovereenkomsten bedroegen 46,1% (2020: 41,2%) van de totale omzet en zijn voornamelijk gesitueerd in het Shipping segment. Opbrengsten volgens IFRS 15 Opbrengsten van contracten met klanten vertegenwoordigden 53,9% (2020: 58,8%) van de totale opbrengsten en bevinden zich voornamelijk in het Infrastructure en Diensten segment. De vernoemde percentages werden berekend exclusief de schikkingsvergoedingen.
De belangrijkste Shipping klanten Equinor (ex-Statoil) en Nippon Gas Line Co vertegenwoordigen 28,2% (2020: 20,7%) en 29,0% (2020: 28,7%) respectievelijk van de opbrengsten van het Shipping segment. Beide klanten droegen respectievelijk 11,3% (2020: 5,3%) en 11,6% (2020: 7,3%) bij aan de geconsolideerde opbrengsten van de EXMAR groep in 2021. Gunvor vertegenwoordigde 32,9% (2020: 38,1%) van de opbrengsten van het Infrastructure segment en 11,8% (2020: 19,1%) van de totale geconsolideerde opbrengsten van de EXMAR groep in 2021. YPF droeg in 2020 18,0% bij aan de opbrengsten van het Infrastructure segment en 9,0% van de totale geconsolideerde opbrengsten, vergeleken met 0% in 2021. De vernoemde percentages werden berekend exclusief de schikkingsvergoedingen. Er zijn geen andere klanten die meer dan 10,0% van EXMARs geconsolideerde opbrengsten vertegenwoordigen in 2021.
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Handelsvorderingen opgenomen in handels- en overige vorderingen (korte + lange termijn) | 43.987 | 121.901 |
| Contract activa opgenomen in handels- en overige vorderingen | 2.839 | 2.894 |
| Contract schulden opgenomen in handels- en overige schulden | 6.479 | 8.818 |
| Contractsaldi | 53.305 | 133.613 |
Handelsvorderingen daalden gedurende 2021 omwille van de maandelijkse betalingen van de schikkingsvergoeding door YPF (USD 85,3 miljoen in 2021) en waarvoor nog USD 24,4 miljoen ontvangen moet worden in 2022.
De contract activa hebben voornamelijk betrekking op de rechten van de Groep op vergoeding voor uitgevoerde nog niet gefactureerde prestaties op rapporteringsdatum. De contract activa worden getransfereerd naar de vorderingen wanneer de rechten van de Groep onvoorwaardelijk worden. De contract schulden hebben voornamelijk betrekking op opgemaakte facturen voor huurinkomsten van schepen (vooruitbetaalde huur).
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Operationele kosten bemanning | -23.850 | -24.564 |
| Operationele kosten onderhoud | -14.136 | -14.066 |
| Operationele kosten verzekeringen | -2.693 | -3.477 |
| Operationele kosten overige | -4.389 | -6.743 |
| Operationele kosten van schepen | -45.068 | -48.850 |
Operationele kosten van schepen zijn kosten gemaakt om een schip te exploiteren en omvatten voornamelijk de kosten voor bemanning, onderhoud, verzekering en andere gerelateerde uitgaven.
In 2021 daalden deze kosten voornamelijk door lagere uitgaven voor bemanning en andere kosten voor de TANGO FLNG en FSRU S188 als gevolg van hun (gedeeltelijke) inactiviteit tijdens het jaar, wat gedeeltelijk gecompenseerd werd door bijkomende operationele kosten voor de twee nieuwe VLGC's.
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Administratieve kosten | -22.637 | -26.637 |
| Algemene kantoorkosten | -2.438 | -3.158 |
| Reiskosten | -2.085 | -1.977 |
| IT & communicatie kosten | -2.073 | -1.861 |
| Honoraria | -6.685 | -9.883 |
| Overige personeelsgerelateerde vergoedingen | -8.738 | -9.118 |
| Verzekeringen | -619 | -640 |
| Niet op inkomsten gebaseerde belastingen | -1.256 | -2.387 |
| Overige kosten | -643 | -782 |
| Algemene en administratieve kosten | -24.536 | -29.806 |
De algemene en administratieve kosten daalden in vergelijking met 2020, voornamelijk ten gevolge van lagere kantoorkosten, lagere honoraria en niet op inkomsten gebaseerde belastingen ten gevolge van minder ingehouden voorheffingen voor de TANGO FLNG.
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Lonen en salarissen | -22.568 | -25.214 |
| Sociale lasten | -3.991 | -4.586 |
| Personeelsbeloning, toegezegde pensioenregeling en toegezegde bijdrageregeling | -789 | -821 |
| Personeelskosten | -27.349 | -30.622 |
| Aan het einde van het boekjaar | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Zeevarenden | 1.615 | 1.844 |
| Niet-zeevarenden | 234 | 250 |
| Personeelsaantal | 1.849 | 2.094 |
Het personeelsaantal vertegenwoordigt het effectief aantal mensen in dienst per einde van het boekjaar (inclusief de zeevarenden van onze geassocieerde ondernemingen). De personeelskosten dalen in vergelijking met 2020, voornamelijk als gevolg van een gedaald aantal personeelsleden.
Een belangrijk deel van de zeevarenden zijn tewerkgesteld op activa van of uitgebaat door onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures, de gerelateerde kost is niet opgenomen in de personeelskosten van EXMAR zoals hierboven toegelicht maar weergegeven in de operationele kosten van onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures.
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Intresten op leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 1.508 | 1.888 |
| Intresten uit kas en kasequivalenten | 29 | 70 |
| Intrestopbrengsten | 1.537 | 1.958 |
| Intrestkosten op rentedragende leningen | -15.526 | -17.568 |
| Intrestkosten | -15.526 | -17.568 |
De intrestopbrengsten op leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures hebben betrekking op intresten aangerekend aan deze ondernemingen op de leningen gegeven door EXMAR en daalden als gevolg van lagere LIBOR-rentevoeten en een lagere uitstaande saldi. We verwijzen naar Toelichting 16 Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures.
De intrestkosten hebben betrekking op de leningen van EXMAR zoals toegelicht in Toelichting 24 Leningen. De evolutie van de intrestkosten is het gecombineerde effect van enerzijds hogere leningen (om de twee nieuwe VLGC's te financieren) en anderzijds lagere referentietarieven (LIBOR en NIBOR) en een lagere marge op de TANGO FLNG financiering van Bank of China (van 3,0% naar 2,2%).
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Gerealiseerde wisselkoerswinsten | 2.237 | 347 |
| Niet-gerealiseerde wisselkoerswinsten | 6.270 | 923 |
| Dividend van niet-geconsolideerde ondernemingen | 16 | 121 |
| Terugname waardevermindering aandelen - gewaardeerd aan FVTPL | 662 | 0 |
| Toename reële waarde van financiële instrumenten | 920 | 0 |
| Overige | 92 | 116 |
| Andere financiële opbrengsten | 10.198 | 1.508 |
| Gerealiseerde wisselkoersverliezen | -928 | -2.452 |
| Niet-gerealiseerde wisselkoersverliezen | -1.933 | -6.085 |
| In resultaat genomen transactiekosten | -2.674 | -2.991 |
| Bankkosten | -922 | -1.029 |
| Terugname waardevermindering aandelen - gewaardeerd aan FVTPL | 0 | -757 |
| Verlies op verkoop van overige investeringen | 0 | -607 |
| Overige | -328 | -334 |
| Andere financiële kosten | -6.785 | -14.254 |
In 2021 boekte EXMAR netto wisselkoerswinsten van USD 5,6 miljoen terwijl EXMAR in 2020 USD -7,3 miljoen netto wisselkoersverliezen had. Dit is voornamelijk het gevolg van de verzwakking van de EUR en NOK ten opzichte van de USD in 2021. Op de omrekening van de NOK obligatie naar USD per jaareinde 2021 boekte EXMAR een niet-gerealiseerde wisselkoerswinst van USD 2,4 miljoen, tegenover een niet-gerealiseerd wisselkoersverlies van USD 2,2 miljoen in 2020.
De kosten en opbrengsten met betrekking tot aandelen gewaardeerd aan FVTPL hebben betrekking op de overige investeringen in Toelichting 18 Overige investeringen.
Eind 2021 kocht EXMAR NOK 240,0 miljoen forwards voor USD 26,3 miljoen, wat resulteert in een reële waarde winst van USD 0,9 miljoen op 31 december 2021 (zie ook Toelichting 28 Financiële risico's en financiële instrumenten).
In 2020 verkocht EXMAR 149.089 aandelen in Teekay LNG (TGP) voor USD 1,7 miljoen, wat resulteerde in een verlies van USD 0,6 miljoen.
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Investeringen in geass. ondernemingen en JV - aandeel in niet-gerealiseerde resultaten | 618 | 93 |
| Omrekeningsverschillen | -1.521 | 5.125 |
| Financiële opbrengsten/kosten direct opgenomen in het eigen vermogen | -904 | 5.218 |
| Erkend in: | ||
| Omrekeningsreserve | -1.942 | 5.517 |
| Afdekkingsreserve | 1.059 | -320 |
| Minderheidsbelang | -20 | 21 |
| -904 | 5.218 |
De beweging op de omrekeningsreserve is voornamelijk het gevolg van de evolutie van de USD/EUR wisselkoers.
In bepaalde geassocieerde ondernemingen en joint ventures werden interest rate swaps (IRS) aangegaan om hun blootstelling aan variabele rentevoeten in te dekken.
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 | |
|---|---|---|---|
| Belastingen over het boekjaar | -1.945 | -1.218 | |
| Correcties op voorgaande boekjaren | 6 | 198 | |
| Winstbelastingen | -1.939 | -1.020 | |
| Uitgestelde winstbelasting | 0 | 0 | |
| Winstbelastingen | -1.939 | -1.020 | |
| AANSLUITING | |||
| Resultaat voor belasting | 13.574 | 92.980 | |
| Belastingen aan nationaal tarief | -25,00% -3.393 |
-25,00% | -23.245 |
| Taks impact aandeel in het resultaat van geass. ondernemingen en JV | 5.442 | -4.457 | |
| Aanpassing voor: | |||
| Impact belastingtarieven in andere landen | -4.621 | 24.470 | |
| Niet-aftrekbare kosten | -244 | -488 | |
| Overige belastingen | -803 | -518 | |
| Verliezen van het boekjaar en belastingkredieten waarvoor geen uitgestelde belastingvordering werd opgezet |
-10.225 | -7.619 | |
| Aanwending fiscaal overgedragen verliezen, belastingkredieten en overige belastingvoordelen waarvoor voordien geen uitgestelde belastingvordering werd opgezet |
15.706 | 10.672 | |
| Niet-aangewende fiscaal overgedragen verliezen onder het Belgische tonnage taks regime |
-3.429 | 0 | |
| Fiscaal vrijgestelde opbrengsten | -149 | -30 | |
| Aanpassingen met betrekking tot voorgaande boekjaren | -223 | 196 | |
| Aansluiting met het effectieve belastingtarief | -14,29% -1.939 |
-1,10% | -1.020 |
De overige belastingen hebben voornamelijk betrekking op lokale vennootschapsbelasting betaald in EXMAR Shipmanagement Congo (vaste inrichting van EXMAR Shipmanagement) met betrekking tot NKOSSA.
| (In duizenden USD) | Schepen in aanbouw | |||
|---|---|---|---|---|
| AANSCHAFFINGSWAARDE | Shipping | Infrastructure | - vooruitbetalingen | Totaal |
| Saldo per 1 januari 2020 | 121.947 | 486.113 | 15.470 | 623.529 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Verwervingen | 821 | 1.060 | 15.470 | 17.349 |
| Geactiveerde intrestkosten | 0 | 0 | 2.222 | 2.222 |
| Verkopen/buitengebruikstellingen | -417 | 0 | 0 | -417 |
| Saldo per 31 december 2020 | 122.350 | 487.173 | 33.163 | 642.684 |
| Saldo per 1 januari 2021 | 122.350 | 487.173 | 33.163 | 642.684 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Verwervingen | 4.188 | 1.516 | 128.878 | 134.582 |
| Geactiveerde intrestkosten | 0 | 0 | 720 | 720 |
| Reclassificatie | 1.909 | 0 | 0 | 1.909 |
| Transfers Saldo per 31 december 2021 |
162.761 291.209 |
0 488.688 |
-162.761 0 |
0 779.896 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN | ||||
| Saldo per 1 januari 2020 | 18.576 | 28.348 | 0 | 46.925 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Afschrijvingen | 11.564 | 23.190 | 0 | 34.754 |
| Verkopen/buitengebruikstellingen | -417 | 0 | 0 | -417 |
| Saldo per 31 december 2020 | 29.723 | 51.539 | 0 | 81.261 |
| Saldo per 1 januari 2021 | 29.723 | 51.539 | 0 | 81.261 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Afschrijvingen | 13.691 | 15.600 | 0 | 29.291 |
| Waardeverminderingen | 0 | 19.000 | 0 | 19.000 |
| Reclassificatie | 1.908 | 0 | 0 | 1.908 |
| Saldo per 31 december 2021 | 45.322 | 86.139 | 0 | 131.461 |
| NETTO BOEKWAARDE | ||||
| Netto boekwaarde per 31 december 2020 | 92.627 | 435.634 | 33.163 | 561.424 |
| Netto boekwaarde per 31 december 2021 | 245.887 | 402.549 | 0 | 648.436 |
De aankopen in 2021 hebben voornamelijk betrekking op de twee nieuwe VLGC's, FLANDERS INNOVATION en FLANDERS PIONEER waarvoor in voorgaande jaren vooruitbetalingen ten belope van USD 33,2 miljoen werden betaald. Deze schepen werden respectievelijk eind juni 2021 en september 2021 opgeleverd en op dat moment overgedragen aan het segment Shipping (totale aanschaffingswaarde van USD 162,8 miljoen).
Bijkomende aankopen in 2021 bij het segment Shipping hadden betrekking op gekapitaliseerde eerste uitrustingskosten van deze twee nieuwe VLGC's (USD 2,9 miljoen) en gekapitaliseerde droogdokkosten (USD 1,3 miljoen). EXMAR heeft ook USD 1,1 miljoen aan investeringen gedaan voor de FSRU S188 (segment Infrastructure).
In 2020 hadden de bijkomende investeringen betrekking op gekapitaliseerde droogdokkosten (Shipping segment) en verbeteringen aan TANGO FLNG (segment Infrastructure).
De schepen zijn in onderpand gegeven als zekerheid voor de onderliggende verplichtingen. Wij verwijzen naar Toelichting 24 Leningen voor meer informatie met betrekking tot deze onderliggende verplichtingen.
In 2020 hebben de marktomstandigheden voor de pressurized vloot ertoe geleid dat het management de gebruiksduur van deze vloot opnieuw heeft geëvalueerd en deze vanaf 2020 heeft teruggebracht van 30 jaar naar 20 jaar (vanaf de bouwdatum). Deze wijziging had een impact van USD 5,4 miljoen bijkomende afschrijvingskosten in 2020. Voorts omvatten de afschrijvingen voor 2020 de volledige afschrijving van specifieke kosten die in verband met het YPF-contract werden opgelopen en gekapitaliseerd na de afwikkeling van het contract (extra impact van USD 5,8 miljoen).
Voor de schepen dewelke in volle eigendom worden aangehouden, werden interne en externe aanwijzingen geëvalueerd dewelke aangeven dat de vloot al dan niet getest dient te worden op het bestaan van een mogelijke waardevermindering. De boekwaarde van de vloot wordt vergeleken met de realiseerbare waarde van de vloot, dewelke de hoogste waarde is van de reële waarde verminderd met de verkoopkosten en de gebruikswaarde.
De reële waarde verminderd met de verkoopkosten is gebaseerd op de gemiddelde reële waarde zoals vastgesteld door twee onafhankelijke scheepsmakelaars of recente markttransacties voor vergelijkbare activa. De reële waarde wordt gecorrigeerd met een gemiddelde makelaarscommissie, dewelke betaald dient te worden bij verkoop van een schip. De gebruikswaarde is gebaseerd op de verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tot hun huidige waarde en rekening houdend met huidige marktverwachtingen met betrekking tot vrachttarieven, tewerkstelling en operationele kosten. Het bevat bovendien ook assumpties voor onder meer toekomstige huuropbrengsten, duurtijd van het contract en inactiviteitsperiode tussen twee contracten. De operationele kasstromen zijn gebaseerd op interne informatie en een gevoeligheidsanalyse wordt uitgevoerd voor iedere assumptie. Het verdisconteerde kasstroommodel gebruikt door het management omvat kasstromen voor de resterende levensduur van de vloot in eigendom. Kasstromen voor de eerste drie jaren worden ingeschat door het management zowel gebaseerd op ervaring uit het verleden als op huidige marktverwachtingen met betrekking tot volumes en vrachttarieven. Vrachttarieven en operationele kosten na deze periode van drie jaar worden verwacht te evolueren in lijn met de geschatte inflatie. De gebruikte verdisconteringsvoet is een gewogen gemiddelde kapitaalkost van 5,5% voor het Shipping LPG segment, 6,0% voor het Shipping LNG segment en 9,2% voor het Infrastructure segment.
De vervroegde beëindiging van de charterovereenkomst voor de FSRU S188 in april 2021 heeft geleid tot een test op bijzondere waardevermindering per 30 juni 2021. Een bijzondere waardevermindering van USD 19,0 miljoen werd geboekt op basis van de reële waarde minus verkoopkosten zoals bepaald door twee onafhankelijke makelaars, rekening houdend met de grote verscheidenheid aan voorwaarden en partijen waarover op dat ogenblik werd onderhandeld. Op jaareinde 2021 heeft het management beoordeeld dat de reële waarde minus verkoopkosten nog steeds de meest gepaste basis is en concludeerde om de per 30 juni 2021 geboekte waardevermindering van USD 19,0 miljoen te handhaven.
Het management heeft ook de test op bijzondere waardevermindering van de momenteel inactieve TANGO FLNG geactualiseerd en de reële waarde minus verkoopkosten en de bedrijfswaarde overschrijden de boekwaarde. De gevoeligheidsanalyse om veranderingen in de WACC (+1%) en toekomstige huurinkomsten (-10%) te simuleren, toont voldoende marge en het management concludeerde dat er geen bijzondere waardevermindering nodig is.
Voor schepen onder joint venture eigendom worden aanwijzigingen voor bijzondere waardeverminderingen op dezelfde manier geëvalueerd als voor de vloot in volledig eigendom. Wij verwijzen hiervoor naar Toelichting 14 Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures.
| (In duizenden USD) AANSCHAFFINGSWAARDE |
Terreinen en gebouwen |
Machines en uitrusting |
Meubilair en installatie |
Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Saldo per 1 januari 2020 | 3.949 | 1.398 | 4.633 | 9.980 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Verwervingen | 0 | 30 | 162 | 192 |
| Verkopen/buitengebruikstellingen | 0 | -1 | -618 | -619 |
| Wisselkoersverschillen | 365 | -15 | 141 | 491 |
| Saldo per 31 december 2020 | 4.314 | 1.411 | 4.319 | 10.044 |
| Saldo per 1 januari 2021 | 4.314 | 1.411 | 4.319 | 10.044 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Verwervingen | 0 | 43 | 207 | 250 |
| Verkopen/buitengebruikstellingen | 0 | -509 | -937 | -1.446 |
| Wisselkoersverschillen | -332 | 14 | -125 | -443 |
| Saldo per 31 december 2021 | 3.981 | 959 | 3.464 | 8.404 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN | ||||
| Saldo per 1 januari 2020 | 3.244 | 1.241 | 3.698 | 8.183 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Afschrijvingen | 30 | 97 | 281 | 409 |
| Verkopen/buitengebruikstellingen | 0 | -1 | -618 | -619 |
| Wisselkoersverschillen | 302 | -16 | 106 | 391 |
| Saldo per 31 december 2020 | 3.576 | 1.321 | 3.466 | 8.363 |
| Saldo per 1 januari 2021 | 3.576 | 1.321 | 3.466 | 8.363 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Afschrijvingen | 32 | 68 | 238 | 338 |
| Verkopen/buitengebruikstellingen | 0 | -509 | -687 | -1.196 |
| Wisselkoersverschillen | -277 | 12 | -109 | -375 |
| Saldo per 31 december 2021 | 3.331 | 892 | 2.908 | 7.130 |
| NETTO BOEKWAARDE | ||||
| Netto boekwaarde per 31 december 2020 | 738 | 90 | 852 | 1.680 |
| Netto boekwaarde per 31 december 2021 | 651 | 67 | 556 | 1.274 |
| (In duizenden USD) | ||
|---|---|---|
| AANSCHAFFINGSWAARDE | Concessies, octrooien, licenties | |
| Saldo per 1 januari 2020 | 2.685 | |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||
| Verwervingen | 17 | |
| Verkopen/buitengebruikstellingen | -321 | |
| Wisselkoersverschillen | 95 | |
| Saldo per 31 december 2020 | 2.475 | |
| Saldo per 1 januari 2021 | 2.475 | |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||
| Verwervingen | 79 | |
| Verkopen/buitengebruikstellingen | -45 | |
| Wisselkoersverschillen | -88 | |
| Saldo per 31 december 2021 | 2.421 | |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN Saldo per 1 januari 2020 |
2.490 | |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||
| Afschrijvingen | 140 | |
| Verkopen/buitengebruikstellingen | -321 | |
| Wisselkoersverschillen | 95 | |
| Saldo per 31 december 2020 | 2.403 | |
| Saldo per 1 januari 2021 | 2.403 | |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||
| Afschrijvingen | 67 | |
| Verkopen/buitengebruikstellingen | -45 | |
| Wisselkoersverschillen | -85 | |
| Saldo per 31 december 2021 | 2.340 | |
| NETTO BOEKWAARDE | ||
| Netto boekwaarde per 31 december 2020 | 73 | |
| Netto boekwaarde per 31 december 2021 | 82 |
De Groep heeft voor de eerste maal IFRS 16 toegepast per 1 januari 2019. IFRS 16 introduceerde één enkel model voor de boekhoudkundige verwerking van leaseovereenkomsten voor de leasingnemer. Bijgevolg heeft de Groep een gebruiksrecht en een leaseverplichting erkend om de onderliggende verplichting tot lease betalingen uit te drukken. We verwijzen naar Toelichting 24 Leningen voor de de leasingschulden.
| (In duizenden USD) | Motor | |||
|---|---|---|---|---|
| AANSCHAFFINGSWAARDE | Gebouwen | voertuigen | IT materiaal | Totaal |
| Saldo per 1 januari 2020 | 5.702 | 2.030 | 625 | 8.357 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Verwervingen | 1.021 | 0 | 0 | 1.021 |
| Beëindigingen | -153 | -2.030 | 0 | -2.184 |
| Contract herwaardering/contractaanpassing | 17 | 0 | 0 | 17 |
| Saldo per 31 december 2020 | 6.586 | 0 | 625 | 7.211 |
| Saldo per 1 januari 2021 | 6.586 | 0 | 625 | 7.211 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Verwervingen | 2.897 | 0 | 92 | 2.990 |
| Beëindigingen | -2.085 | 0 | -267 | -2.352 |
| Wisselkoersverschillen | -64 | 0 | -3 | -67 |
| Contract herwaardering/contractaanpassing | 1.340 | 0 | 0 | 1.340 |
| Saldo per 31 december 2021 | 8.675 | 0 | 446 | 9.121 |
| AFSCHRIJVINGEN EN WAARDEVERMINDERINGEN | ||||
| Saldo per 1 januari 2020 | 1.721 | 310 | 215 | 2.246 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Afschrijvingen | 1.818 | 0 | 149 | 1.968 |
| Waardervermindering | -153 | -310 | 0 | -464 |
| Saldo per 31 december 2020 | 3.386 | 0 | 364 | 3.750 |
| Saldo per 1 januari 2021 | 3.386 | 0 | 364 | 3.750 |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||||
| Afschrijvingen | 1.487 | 0 | 181 | 1.668 |
| Beëindigingen | -2.083 | 0 | -267 | -2.351 |
| Wisselkoersverschillen | 59 | 0 | -5 | 54 |
| Saldo per 31 december 2021 | 2.848 | 0 | 273 | 3.121 |
| NETTO BOEKWAARDE | ||||
| Netto boekwaarde per 31 december 2020 | 3.201 | 0 | 260 | 3.461 |
| Netto boekwaarde per 31 december 2021 | 5.827 | 0 | 173 | 6.000 |
De stijging van de netto boekwaarde van de gebruiksrechten met USD 2,5 miljoen in 2021 is voornamelijk toe te schrijven aan nieuwe huurovereenkomsten (USD 2,1 miljoen) voor de Belgische kantoren en de contractwijziging (verlenging huurtermijn) van de huurovereenkomst voor het Amerikaanse kantoor (USD 1,3 miljoen), gedeeltelijk gecompenseerd door de afschrijvingskosten van het jaar.
De beweging in investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures kan als volgt worden gedetailleerd:
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Saldo per 1 januari | 73.298 | 95.557 |
| Wijzigingen gedurende het jaar: | ||
| Aandeel in winst/(verlies) | 21.769 | -17.830 |
| Opname in consolidatie scope | 0 | 50 |
| Dividenden | -379 | -3.814 |
| Toewijzing negatief eigen vermogen (1) | -721 | -758 |
| Wisselkoersverschillen | -441 | 413 |
| Wijzigingen in het geconsolideerd overzicht van niet-gerealiseerd resultaten van | 1.059 | -320 |
| geassocieerde ondernemingen en joint ventures | ||
| Overige | 93 | 0 |
| Saldo per 31 december | 94.678 | 73.298 |
(1) De geassocieerde ondernemingen en joint ventures waarvan het aandeel in het eigen vermogen negatief is, worden toegewezen aan andere componenten van het belang van de investeerder in de geassocieerde onderneming of joint venture (d.w.z. voornamelijk in mindering gebracht van de vorderingen). Wanneer het negatieve eigen vermogen dit belang overtreft, dan wordt een corresponderende verplichting opgenomen maar enkel voor zover de Groep een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft. In totaal werd een bedrag van USD 9,9 miljoen (USD 10,6 miljoen op jaareinde 2020) gecompenseerd met betrekking tot negatieve eigen vermogens.
EXMAR heeft alle bestaande gezamenlijke overeenkomsten geanalyseerd en heeft hieruit geconcludeerd dat alle gezamenlijke overeenkomsten joint ventures betreffen en dit in overeenstemming met IFRS 11 Gezamenlijke overeenkomsten.
EXMAR heeft garanties gegeven aan financiële instellingen dewelke financieringen hebben toegekend aan haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures. Per 31 december 2021 stond een bedrag van USD 473,8 miljoen (2020: USD 511,1 miljoen) open onder dergelijke financieringen, waarvan EXMAR USD 236,9 miljoen (2020: USD 255,5 miljoen) heeft gegarandeerd. We verwijzen in dit verband eveneens naar Toelichting 28 Financiële risico's en financiële instrumenten. EXMAR heeft geen materiële voorwaardelijke verplichtingen ten opzichte van haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures. Er werden geen andere verplichtingen buiten de hiervoor genoemde garanties toegekend door EXMAR aan haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures.
Als gevolg van wettelijke verplichtingen en financieringsovereenkomsten, kunnen onze joint ventures of geassocieerde ondernemingen beperkt worden in het betalen van dividenden of in het terugbetalen van aandeelhoudersleningen. Onder de financieringsovereenkomsten kunnen onze geassocieerde ondernemingen of joint ventures enkel een vergoeding uitkeren wanneer er geen convenanten worden geschonden. Onder de vennootschapswetgeving kan er geen vergoeding van kapitaal plaats vinden wanneer het eigen vermogen lager is dan of als gevolg van de uitkering zou dalen onder, het gestorte kapitaal verhoogd met de onbeschikbare reserves.
Voor de schepen onder joint venture eigendom, werden interne en externe aanwijzingen voor een bijzondere waardevermindering geëvalueerd gelijkaardig als voor de vloot in volle eigendom. We verwijzen in dit verband naar Toelichting 10 Schepen en platformen. In 2020 werd een aandeel in het verlies van deze geassocieerde ondernemingen en joint ventures door EXMAR geregistreerd, dit verlies wordt voornamelijk verklaard door waardeverminderingen op oudere schepen (USD 30,5 miljoen voor EXMARs aandeel). In de loop van 2021 werden waardeverminderingen teruggenomen voor twee verkochte schepen en één schip dat op het einde van het jaar geclassificeerd was als aangehouden voor verkoop (positieve impact van USD 3,2 miljoen op het aandeel van EXMAR in de winst).
EXMAR heeft geen verplichtingen jegens haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures en heeft de volgende activa:
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures: | ||
| Joint ventures | 89.308 | 66.167 |
| Geassocieerde ondernemingen | 5.370 | 7.131 |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures: | ||
| Lange termijn | 16.841 | 29.813 |
| Korte termijn (of huidig deel van lange termijn) | 15.407 | 11.500 |
| Totaal | 126.926 | 114.611 |
| Joint ventures | Segment | JV partner | Beschrijving activiteiten |
|---|---|---|---|
| AEX LNG management (geliquideerd in 2021) |
Diensten | Anglo-Eastern | Nieuwbouwsupervisie en management voor eigenaars (derden) |
| Estrela Ltd | Infrastructure | ASS | Eigenaar van het accommodatieplatform NUNCE |
| EXMAR Gas Shipping Ltd | Shipping | TEEKAY LPG | Voorheen eigenaar van het midsize schip TOURAINE |
| EXMAR LPG BV | Shipping | TEEKAY LPG | Holding voor EXMAR-Teekay LPG activiteiten |
| EXMAR Shipping BV | Shipping | TEEKAY LPG | Eigenaar van 20 midsize schepen, waarvan two schepen onder financiële leasing en one schip aangehouden voor verkoop |
| Good Investment Ltd | Shipping | TEEKAY LPG | Tijdscharterovereenkomst van de VLGC BW TOKYO |
| Monteriggioni Inc | Shipping | MOL | Eigenaar van de LNG tanker EXCEL, dewelke in 2017 werd verkocht - sindsdien inactief |
| Solaia Shipping Llc | Shipping | TEEKAY LNG | Eigenaar van de LNG tanker EXCALIBUR |
| Geassocieerde ondernemingen | Segment | Eigendoms% | Beschrijving activiteiten |
| Bexco NV | Diensten | 44,91% | Produceert touwen voor de maritieme en offshore industrie |
| Marpos NV | Diensten | 45,00% | Levert afvaloplossingen voor de maritieme industrie |
| Electra Offshore Ltd | Infrastructure | 40,00% | Eigenaar van het accommodatieplatform WARIBOKO |
| Exview Hong Kong Ltd | Infrastructure | 40,00% | Bareboat eigenaar van het accommodatieplatform WARIBOKO |
| Springmarine Nigeria Ltd | Infrastructure | 40,00% | Tijdcharterovereenkomst voor het accommodatieplatform WARIBOKO |
| Joint ventures | Geassocieerde ondernemingen | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| JV partner | Teekay LPG | MOL | Teekay LNG | ASS | Anglo- Eastern |
||||
| Eigendomspercentage | 50% | 50% | 50% | 50% | 50% | 45% | 45% | 40% | |
| Totaal | Monte | Solaia | Estrela | Totaal Wariboko | |||||
| Entiteit | Teekay LPG | riggioni | Shipping | Ltd | AEX | BEXCO | Marpos | ondernemingen | TOTAAL |
| Vaste activa | 621.033 | 30.127 | 13.161 | 6.664 | 355 | 7.630 | 678.970 | ||
| Vlottende activa | 86.195 | 4.693 | 4.475 | 5.659 | 18.958 | 1.297 | 8.569 | 129.846 | |
| waarvan kas- en kasequivalenten | 54.474 | 4.693 | 4.263 | 5.626 | 228 | 942 | 218 | 70.444 | |
| Verplichtingen op lange termijn | 507.258 | 4.693 | 7.500 | 3.478 | 1.015 523.944 | ||||
| waarvan bankleningen | 253.137 | 7.500 | 3.063 | 263.700 | |||||
| waarvan financiële leases | 174.734 | 174.734 | |||||||
| waarvan overige leningen | 49.531 | 49.531 | |||||||
| Verplichtingen op korte termijn | 99.777 | 20 | 11.630 | 1.520 | 11.167 | 676 | 21.057 | 145.847 | |
| waarvan bankleningen | 26.233 | 10.000 | 894 | 37.127 | |||||
| waarvan financiële leases | 32.071 | 32.071 | |||||||
| waarvan overige leningen | 15.000 | 9.848 | 24.848 | ||||||
| Opbrengsten | 173.777 | 21.687 | 10.401 | 48.424 | 2.128 | 5.075 | 261.492 | ||
| Afwaardering | 56.144 | 3.705 | 1.750 | 889 | 72 | 2.293 | 64.853 | ||
| Waardevermindering (terugname) | -6.400 | -72 | 1.925 | -4.547 | |||||
| Intrestopbrengsten | 439 | -7 | 432 | ||||||
| Intrestkosten | 21.263 | 1.204 | 155 | 10 | 1.177 | 23.809 | |||
| Belastingen op het resultaat | 115 | 547 | 112 | 774 | |||||
| Winst of (verlies) uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 34.434 | -1.247 | 11.460 | 1.708 | 182 | 2.233 | 307 | -6.603 | 42.474 |
| Niet-gerealiseerde resultaten | 1.521 | 596 | 2.117 | ||||||
| Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | 35.955 | -1.247 | 12.056 | 1.708 | 182 | 2.233 | 307 | -6.603 | 44.591 |
| Eigen vermogen (100%) | 130.049 | -20 | 15.472 | 17.300 | 10.977 | 976 | -4.858 | 169.896 | |
| Aandeel van EXMAR in het eigen vermogen | 65.025 | -10 | 7.736 | 8.650 | 4.930 | 439 | -1.943 | 84.826 | |
| Aandeel groep in het eigen vermogen van geassoc. ondernemingen en JV's op 1 januari 2021 |
47.086 | 614 | 1.708 | 7.796 | -224 | 4.605 | 444 | 680 | 62.709 |
| Aandeel totaal gerealiseerd en niet-gerealiseerde resultaten | 17.978 | -624 | 6.028 | 854 | 91 | 1.003 | 138 | -2.641 | 22.827 |
| Dividenden | -277 | -103 | -379 | ||||||
| Omrekeningsverschillen | -401 | -40 | -441 | ||||||
| Overige | -39 | 133 | 94 | ||||||
| Aandeel groep in het eigen vermogen van geassoc. ondernemingen en JV's per 31 december 2021 |
65.024 | -10 | 7.736 | 8.650 | 4.930 | 439 | -1.961 | 84.809 | |
| Toewijzing negatief eigen vermogen | 7.908 | 1.961 | 9.869 | ||||||
| Aandeel groep in het eigen vermogen van geassoc. ondernemingen en JV's per 31 december 2021, na toewijzing negatief eigen vermogen |
72.922 | 7.736 | 8.650 | 4.930 | 439 | 94.678 | |||
| Joint ventures | Geassocieerde ondernemingen | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| JV partner | Teekay LPG | MOL | Teekay LNG | ASS | Anglo Eastern |
||||
| Eigendomspercentage | 50% | 50% | 50% | 50% | 50% | 45% | 45% | 40% | |
| Totaal | Monte | Solaia | Estrela | Totaal Wariboko | |||||
| Entiteit | Teekay LPG | riggioni | Shipping | Ltd | AEX | BEXCO | Marpos | ondernemingen | TOTAAL |
| Vaste activa | 666.655 | 32.964 | 14.911 | 7.545 | 441 | 9.168 | 731.684 | ||
| Vlottende activa | 48.100 | 4.778 | 10.087 | 946 | 334 | 33.551 | 1.212 | 11.031 | 110.039 |
| waarvan kas- en kasequivalenten | 32.226 | 4.778 | 9.857 | 891 | 196 | 302 | 917 | 147 | 49.314 |
| Verplichtingen op lange termijn | 613.988 | 3.522 | 750 | 4.353 | 8.208 | 630.821 | |||
| waarvan bankleningen | 259.370 | 3.859 | 263.229 | ||||||
| waarvan financiële leases | 202.023 | 202.023 | |||||||
| waarvan overige leningen | 152.596 | 750 | 8.208 | 161.554 | |||||
| Verplichtingen op korte termijn | 74.661 | 28 | 39.635 | 266 | 31 | 26.489 | 667 | 10.833 | 152.610 |
| waarvan bankleningen | 26.080 | 31.723 | 3.593 | 61.396 | |||||
| waarvan financiële leases | 34.575 | 34.575 | |||||||
| waarvan overige leningen | 1.500 | 1.500 | |||||||
| Opbrengsten | 173.341 | 20.006 | 10.448 | 23.395 | 1.851 | 2.747 | 231.788 | ||
| Afwaardering | 60.296 | 4.754 | 1.755 | 917 | 73 | 1.897 | 69.692 | ||
| Waardevermindering (terugname) | 26.939 | 34.000 | 111 | 61.050 | |||||
| Intrestopbrengsten | 1.793 | 56 | 12 | 1 | 1.862 | ||||
| Intrestkosten | 25.286 | 1.766 | 225 | 9 | 1.106 | 28.392 | |||
| Belastingen op het resultaat | 6 | 49 | 72 | 127 | |||||
| Winst of verlies uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | -6.527 | -45 | -26.621 | 2.182 | -547 | 2.053 | 198 | -7.653 | -36.960 |
| Niet-gerealiseerde resultaten | -349 | -291 | -640 | ||||||
| Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | -6.876 | -45 | -26.912 | 2.182 | -547 | 2.053 | 198 | -7.653 | -37.600 |
| Eigen vermogen (100%) | 26.106 | 1.228 | 3.416 | 15.591 | -447 | 10.254 | 986 | 1.158 | 58.292 |
| Aandeel van EXMAR in het eigen vermogen | 13.053 | 614 | 1.708 | 7.796 | -224 | 4.605 | 444 | 521 | 28.517 |
| Aandeel groep in het eigen vermogen van geassoc. ondernemingen en JV's op 1 januari 2020 |
50.525 | 637 | 15.164 | 10.191 | 3.534 | 419 | 3.742 | 84.210 | |
| Aandeel totaal gerealiseerd en niet-gerealiseerde resultaten | -3.438 | -23 | -13.456 | 1.091 | -274 | 922 | 89 | -3.061 | -18.149 |
| Dividenden | -3.486 | -227 | -101 | -3.814 | |||||
| Omrekeningsverschillen | 377 | 36 | 413 | ||||||
| Overige | 50 | 50 | |||||||
| Aandeel groep in het eigen vermogen van geassoc. ondernemingen en JV's per 31 december 2020 |
47.087 | 614 | 1.708 | 7.796 | -224 | 4.605 | 444 | 681 | 62.711 |
| Toewijzing negatief eigen vermogen | 8.964 | 224 | 1.402 | 10.589 | |||||
| Aandeel groep in het eigen vermogen van geassoc. ondernemingen en JV's per 31 december 2020, na toewijzing negatief eigen vermogen |
56.050 | 614 | 1.708 | 7.796 | 4.605 | 444 | 2.082 | 73.299 | |
| (In duizenden USD) | Shipping | Infrastructure | Diensten | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| Per 1 januari 2020 | 42.067 | 7.912 | 0 | 49.979 |
| Nieuwe leningen | 0 | 200 | 375 | 575 |
| Terugbetalingen | -10.000 | 0 | 0 | -10.000 |
| Wijzigingen in toegewezen negatief eigen vermogen (1) | 1.218 | -236 | -223 | 759 |
| Per 31 december 2020 | 33.285 | 7.876 | 152 | 41.313 |
| Meer dan één jaar | 23.285 | 6.376 | 152 | 29.813 |
| Minder dan één jaar | 10.000 | 1.500 | 0 | 11.500 |
| Per 1 januari 2021 | 33.285 | 7.876 | 152 | 41.313 |
| Nieuwe leningen | 0 | 590 | 0 | 590 |
| Terugbetalingen | -10.000 | 0 | 0 | -10.000 |
| Afschrijving | 0 | 0 | -376 | -376 |
| Wijzigingen in toegewezen negatief eigen vermogen (1) | 1.056 | -559 | 224 | 721 |
| Per 31 december 2021 | 24.341 | 7.907 | 0 | 32.249 |
| Meer dan één jaar | 16.841 | 0 | 0 | 16.841 |
| Minder dan één jaar | 7.500 | 7.907 | 0 | 15.407 |
(1) De geassocieerde ondernemingen en joint ventures waarvan het aandeel in het eigen vermogen negatief is, worden toegewezen aan andere componenten van het belang van de investeerder in de geassocieerde onderneming of joint venture (d.w.z. voornamelijk in mindering gebracht van de vorderingen). Wanneer het negatieve eigen vermogen dit belang overtreft, dan wordt een corresponderende verplichting geregistreerd in dit verband, maar enkel voor zover de Groep een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft. In totaal werd een bedrag van USD 9,9 miljoen (USD 10,6 miljoen op jaareinde 2020) gesaldeerd met betrekking tot het negatieve eigen vermogen.
De activiteiten en activa van een aantal van onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures worden gefinancierd door aandeelhoudersleningen toegekend door de Vennootschap aan de respectievelijke geassocieerde onderneming en joint venture. Dergelijke lange termijn toegekende leningen maken ten gronde deel uit van de netto investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures. Verwachte kredietverliezen worden geboekt alvorens een netto negatieve eigen vermogen wordt toegewezen. De saldi die hieronder vermeld worden vertegenwoordigen de uitstaande vorderingen inclusief toewijzing negatief eigen vermogen.
Joint ventures
JV partner Eigendomspercentage
Entiteit
Vaste activa Vlottende activa
waarvan kas- en kasequivalenten
Verplichtingen op lange termijn
waarvan bankleningen
waarvan financiële leases
waarvan overige leningen
Verplichtingen op korte termijn
waarvan bankleningen
waarvan financiële leases
waarvan overige leningen
Opbrengsten Afwaardering Waardevermindering (terugname)
Intrestopbrengsten
Intrestkosten Belastingen op het resultaat
Winst of verlies uit voortgezette bedrijfsactiviteiten
Niet-gerealiseerde resultaten
Totaal van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten
Eigen vermogen (100%)
Aandeel van EXMAR in het eigen vermogen
Aandeel groep in het eigen vermogen van geassoc.
ondernemingen en JV's op 1 januari 2020
Aandeel totaal gerealiseerd en niet-gerealiseerde resultaten
Dividenden Omrekeningsverschillen
Overige
Aandeel groep in het eigen vermogen van geassoc.
47.087 8.964 56.050
614
1.708
7.796
4.605
444
2.082
73.299
614
1.708
7.796
-224 224
4.605
444
681 1.402
10.589
62.711
ondernemingen en JV's per 31 december 2020
Toewijzing negatief eigen vermogen
Aandeel groep in het eigen vermogen van geassoc.
ondernemingen en JV's per 31 december 2020, na
toewijzing negatief eigen vermogen
-3.438
-23
-13.456
1.091 -3.486
-274
922 -227 377
50
36
-101
89
-3.061
-18.149
-3.814
413
50
-6.876 26.106 13.053 50.525
637
15.164
10.191
614
1.708
7.796
-224
4.605 3.534
419
3.742
84.210
1.228
3.416
15.591
-447
10.254
986 444
521
28.517
1.158
58.292
-45
-26.912
2.182
-547
2.053
198
-7.653
-37.600
Teekay LPG 50% Totaal
Monteriggioni
Solaia Shipping
Estrela Ltd
AEX
BEXCO 7.545
441
Marpos
Totaal Wariboko ondernemingen
9.168
731.684
TOTAAL
Teekay LPG
666.655 48.100 32.226 613.988 259.370 202.023 152.596 74.661 26.080 34.575 173.341 60.296 26.939 1.793 25.286 6 -6.527 -349
-45
-26.621 -291
2.182
-547
2.053
198
-7.653
-36.960
-640
56
12 1.766
20.006 4.754 34.000
1.755
10.448
23.395 917 111 225 49
72
1 9
1.106
28.392
127
73
1.897
69.692
61.050
1.862
1.851
2.747
231.788
28
39.635 31.723
266
31
26.489 3.593
667
10.833
152.610
61.396
34.575
1.500
1.500
3.522
4.778
9.857
891
196 750
4.353 3.859
750
302
917
147 8.208
630.821
263.229
202.023
8.208
161.554
49.314
4.778
10.087
946
334
33.551
1.212
11.031
110.039
32.964
14.911
50%
50%
50%
50%
45%
45%
40%
MOL
Teekay LNG
ASS
Anglo-Eastern
Geassocieerde ondernemingen
Beide aandeelhouders hebben aandeelhoudersleningen toegekend aan EXMAR LPG in 2013. Terugbetalingen gebeuren afhankelijk van de beschikbaarheid van liquiditeiten en alleen indien zulke terugbetaling niet resulteert in een inbreuk op de financiële convenanten van de bankleningen bij EXMAR LPG. Het van toepassing zijnde intrest percentage op deze aandeelhoudersleningen bedraagt LIBOR drie maanden plus 0,5%. In de loop van 2021 werd USD 10,0 miljoen terugbetaald en in februari 2022 werd USD 7,5 miljoen ontvangen.
EXMAR Netherlands BV heeft in 2016 een aandeelhouderslening toegekend aan Electra Offshore Ltd. De lening wordt terugbetaald afhankelijk van de beschikbaarheid van liquiditeiten, maar werd als korte termijn lening gepresenteerd vanwege de looptijd eind 2021 en beide partijen onderhandelen momenteel over de verlengingsvoorwaarden. Het intrest percentage op deze faciliteit bedraagt een vast percentage van 12,0%.
| Activa | ||
|---|---|---|
| aangehouden voor | ||
| (In duizenden USD) | verkoop | |
| Saldo per 1 januari 2020 | 11.000 | |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||
| Waardervermindering | -1.000 | |
| Saldo per 31 december 2020 | ||
| Saldo per 1 januari 2021 | 10.000 | |
| Mutaties tijdens het boekjaar | ||
| Terugname van waardeverminderingen | 2.500 | |
| Saldo per 31 december 2021 | 12.500 |
Per 31 december 2019 werd het vliegtuig gepresenteerd als actief aangehouden voor verkoop als gevolg van de intentie van EXMAR om het te verkopen. In 2019 en 2020 werden waardeverminderingen van respectievelijk USD 4,7 miljoen en USD 1,0 miljoen geboekt om de marktwaarde van het actief te weerspiegelen.
Als gevolg van de COVID-19 pandemie en de daarmee gepaard gaande wereldwijde reisbeperkingen ondervond EXMAR moeilijkheden om het vliegtuig te verkopen, maar eind 2021 werd een intentieverklaring ontvangen. Als gevolg daarvan werd voor USD 2,5 miljoen aan waardeverminderingen teruggenomen en werd in februari 2022 een definitieve verkoopovereenkomst ondertekend.
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Aantal niet-genoteerde aandelen | 911 | 1.062 |
| Aantal genoteerde aandelen | 938 | 292 |
| Aandelen gewaardeerd aan FVTPL | 1.849 | 1.354 |
De niet-genoteerde aandelen betreffen 149 aandelen van Sibelco dewelke werden verworven in 2014.
De genoteerde aandelen omvatten 116.338 aandelen van Frontera Energy Corporation aan een koers van CAD 10,24 per 31 december 2021 (31 december 2020: CAD 3,21).
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Lange termijn handelsvorderingen | 0 | 24.444 |
| Korte termijn handelsvorderingen (inclusief contractactiva) | 46.826 | 100.351 |
| Kaswaarborgen | 199 | 190 |
| Overige vorderingen | 3.047 | 4.058 |
| Over te dragen kosten en te ontvangen opbrengsten | 5.081 | 3.036 |
| Korte termijn handels- en overige vorderingen | 55.154 | 107.636 |
| Handels- en overige vorderingen | 55.154 | 132.080 |
| Waarvan financiële activa (Toelichting 28) | 48.534 | 125.865 |
De daling van de handelsvorderingen en contractuele activa wordt voornamelijk verklaard door de betaling van de schikkingsvergoeding voor YPF: USD 85,3 miljoen ontvangen in 2021 en USD 24,4 miljoen verschuldigd in 2022 overeenkomstig het overeengekomen betalingsschema (zie ook Toelichting 4 Opbrengsten).
De blootstelling van de Groep aan krediet- en valutarisico's en waardeverminderingen met betrekking tot handels- en andere vorderingen wordt toegelicht in Toelichting 28 Financiële risico's en financiële instrumenten. In 2021 werd een waardevermindering van USD 1,1 miljoen geboekt (2020: USD 0,1 miljoen).
Over te dragen kosten omvatten reeds gefactureerde kosten met betrekking tot het volgende boekjaar, bijvoorbeeld huur, verzekeringen, commissies, bunkers, vooruitbetaalde kosten voor kredietfaciliteiten. De over te dragen opbrengsten omvatten de nog niet-gefactureerde opbrengsten met betrekking tot het lopende boekjaar, zoals intresten.
| 31 december | |||
|---|---|---|---|
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 | |
| Actuele belastingvorderingen | 1.003 | 3.472 | |
| Actuele belastingverplichtingen | 1.309 | 5.043 |
De daling van de actuele belastingvorderingen is het gevolg van een gunstige afloop van een geschil inzake belastingen en daarmee verband houdende roerende voorheffing, dat het management als ongeldig had beoordeeld en waarvoor in het vorige jaar een vordering van USD 2,0 miljoen was geboekt. Deze vordering en de gerelateerde belastingschuld (USD 1,0 miljoen) werden teruggenomen en EUR 1,0 miljoen werd in cash ontvangen van de Belgische belastingautoriteiten.
De daling van de actuele belastingverplichtingen wordt verder verklaard door de betaling van belastingaanslagen met betrekking tot 2019.
| 31 december 2021 | 31 december 2020 | |||
|---|---|---|---|---|
| (In duizenden USD) | Activa | Verplichtingen | Activa | Verplichtingen |
| Schepen | 0 | 0 | 0 | 556 |
| Voorzieningen | 0 | 84 | 0 | 84 |
| Personeelsbeloningen | 704 | 0 | 1.166 | 0 |
| Financiële instrumenten | 0 | 230 | 0 | 0 |
| Overige | 0 | 65 | 0 | 0 |
| Uitgestelde belastingvordering/-verplichting | 704 | 379 | 1.166 | 640 |
| Compensatie van belastingvordering/-verplichting | -379 | 0 | -640 | 0 |
| Niet-erkende belastingvordering | -325 | 0 | -526 | 0 |
| Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen (netto) | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Aftrekbare tijdelijke verschillen | 325 | 526 | ||
| Niet-gebruikte belastinglatenties | 65.069 | 63.894 | ||
| Niet-erkende uitgestelde belastingvorderingen/ -verplichtingen | 65.394 | 0 | 64.420 | 0 |
Onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures hebben beperkte tijdelijke verschillen. De uitgestelde belastingvorderingen op fiscale verliezen bij onze geassocieerde ondernemingen en joint ventures bedroegen USD 0,7 miljoen eind 2021 (2020: USD 0,6 miljoen) voor hun aandeel, maar werden niet erkend. Deze bedragen zijn ook niet in bovenstaand overzicht opgenomen.
Belastingvorderingen worden niet erkend indien het niet waarschijnlijk is dat er toekomstige belastbare winsten beschikbaar zullen zijn waartegen de groep de daaruit voortvloeiende voordelen kan afzetten of omdat de toekomstige belastbare winsten niet op betrouwbare basis kunnen worden vastgesteld.
Het merendeel van de fiscale verliezen en investeringsaftrekken vervalt niet in de tijd.
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Geblokkeerde kasequivalenten | 76.121 | 75.575 |
| Bank | 70.834 | 27.967 |
| Kas | 73 | 47 |
| Geldbeleggingen | 222 | 180 |
| Netto kas en kasequivalenten | 71.130 | 28.195 |
De geblokkeerde kasequivalenten hebben betrekking op de kredietfaciliteit met de Bank of China voor de TANGO FLNG en bestaan uit twee delen:
| Aantal gewone aandelen | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Aantal uitgegeven aandelen per 1 januari | 59.500.000 | 59.500.000 |
| Aantal uitgegeven aandelen per 31 december - volstort | 59.500.000 | 59.500.000 |
De aandelen zijn zonder vermelding van nominale waarde. De houders van gewone aandelen zijn gerechtigd tot dividend en hebben recht om per aandeel één stem uit te brengen tijdens de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van de Vennootschap.
Zoals goedgekeurd door de Buitengewone Algemene Vergadering van 11 september 2020, kan de Raad van Bestuur van EXMAR, voor een periode van vijf jaar eindigend in september 2025, binnen bepaalde wettelijke beperkingen en voorwaarden, het kapitaal van EXMAR NV verhogen met een maximum bedrag van USD 12,0 miljoen.
Met betrekking tot het boekjaar 2021 stelt de Raad van Bestuur voor om een brutodividend van EUR 0,08 per aandeel uit te keren aan de eigenaars van gewone aandelen. Dit dividend is onderworpen aan de goedkeuring door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 17 mei 2022 en werd bijgevolg niet opgenomen als een verplichting in de geconsolideerde jaarrekening van EXMAR opgesteld volgens IFRS. Het dividend voor het boekjaar 2021, op basis van het aantal uitgegeven aandelen, bedraagt EUR 4,8 miljoen of een totaal brutodividend van USD 5,4 miljoen.
In 2021 heeft de Raad van Bestuur aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders voorgesteld om een brutodividend van EUR 0,15 per aandeel uit te keren. De Algemene Vergadering van Aandeelhouders, gehouden op 18 mei 2021, heeft besloten om het dividend te verhogen tot EUR 0,30 per aandeel, hetgeen resulteert in een totaal uit te keren dividend van EUR 17,9 miljoen of USD 21,9 miljoen.
Er hebben geen uitkeringen aan de aandeelhouders plaats gevonden in 2020.
De reserve voor eigen aandelen omvat de kostprijs van de aandelen van EXMAR die door de Groep worden aangehouden.
| 2021 | 2020 | |
|---|---|---|
| Aantal eigen aandelen gehouden per 31 december | 2.273.263 | 2.273.263 |
| Boekwaarde van gehouden eigen aandelen (in duizenden USD) | 44.349 | 44.349 |
| Gemiddelde kostprijs per aandeel (in EUR) - historische waarde | 14,1507 | 14,1507 |
De omrekeningsreserve omvat alle wisselkoersverschillen die voortvloeien uit de omrekening van de jaarrekeningen van de dochterondernemingen van de Groep die een andere functionele munt hebben dan de rapporteringsmunt in USD. Het saldo van de omrekeningsreserve wordt voornamelijk beïnvloed door de appreciatie of depreciatie van de EUR ten opzichte van de USD.
De afdekkingsreserve bestaat uit het effectieve deel van de cumulatieve netto wijzigingen in de reële waarde van kasstroomafdekkingsinstrumenten met betrekking tot de afgedekte transacties.
In sommige van de geassocieerde ondernemingen en joint ventures werden interest rate swaps (IRS) contracten afgesloten om het variabel intrest risico in te dekken.
| 2021 | 2020 | |
|---|---|---|
| Resultaat van het boekjaar, toerekenbaar aan de aandeelhouders van de vennootschap (in USD) | 11.599.651 | 91.934.362 |
| Aantal uitgegeven gewone aandelen per 31 december | 59.500.000 | 59.500.000 |
| Effect van eigen aandelen | -2.273.263 | -2.273.263 |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen per 31 december | 57.226.737 | 57.226.737 |
| Winst per aandeel in USD | 0,20 | 1,61 |
| 2021 | 2020 | |
| Resultaat van het boekjaar, toerekenbaar aan de aandeelhouders van de vennootschap (in USD) | 11.599.651 | 91.934.362 |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen per 31 december | 57.226.737 | 57.226.737 |
| Verwateringseffect van op aandelen gebaseerde compensatie | 0 | 0 |
| Gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen gedurende het jaar inclusief opties | 57.226.737 | 57.226.737 |
| Verwaterde winst per aandeel in USD | 0,20 | 1,61 |
Optieplannen 8, 9 en 10 werden niet meegenomen in de berekening van de verwaterde winst per aandeel vanwege het anti-verwateringseffect per 31 december 2021 en 2020.
| Overige | Leasingschulden | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| (In duizenden USD) | Bankleningen | leningen | gebruiksrechten | Totaal | |
| Per 1 januari 2020 | 264.102 | 119.666 | 21.665 | 405.433 | |
| Nieuwe leningen | 11.581 | 1.221 | 1.021 | 13.823 | |
| Terugbetalingen | -62.036 | 0 | -17.382 | -79.418 | |
| Beëindigingen gebruiksrechten | 0 | 0 | -1.729 | -1.729 | |
| In resultaat genomen transactiekosten | 2.298 | 693 | 0 | 2.991 | |
| Wisselkoersverschillen | 0 | 2.150 | 81 | 2.231 | |
| Beweging toe te rekenen intrestkosten | -1.641 | -88 | 0 | -1.729 | |
| Contractherwaardering/contractaanpassing | 0 | 0 | 17 | 17 | |
| Per 31 december 2020 | 214.304 | 123.642 | 3.673 | 341.619 | |
| Meer dan één jaar | 171.739 | 102.967 | 1.882 | 276.589 | |
| Minder dan één jaar | 42.565 | 20.675 | 1.791 | 65.031 | |
| Per 31 december 2020 | 214.304 | 123.642 | 3.673 | 341.619 | |
| Shipping segment | 65.363 | 46.292 | 332 | 111.987 | |
| Infrastructure segment | 145.247 | 77.350 | 2.307 | 224.904 | |
| Diensten segment | 3.694 | 0 | 1.034 | 4.728 | |
| Per 31 december 2020 | 214.304 | 123.642 | 3.673 | 341.619 | |
| Per 1 januari 2021 | 214.304 | 123.642 | 3.673 | 341.619 | |
| Nieuwe leningen | 144.000 | 0 | 2.990 | 146.990 | |
| Terugbetalingen | -39.616 | -22.916 | -1.554 | -64.086 | |
| Kwijtschelding van leningen | 0 | -29 | 0 | -29 | |
| In resultaat genomen transactiekosten | 1.981 | 693 | 0 | 2.674 | |
| Wisselkoersverschillen | -114 | -2.352 | -344 | -2.810 | |
| Toe te rekenen interestkosten | -831 | -55 | 0 | -886 | |
| Contractherwaardering/contractaanpassing | 0 | 0 | 1.340 | 1.340 | |
| Per 31 december 2021 | 319.724 | 98.983 | 6.105 | 424.812 | |
| Meer dan één jaar | 281.413 | 27.659 | 4.745 | 313.816 | |
| Minder dan één jaar | 38.311 | 71.324 | 1.360 | 110.995 | |
| Per 31 december 2021 | 319.724 | 98.983 | 6.105 | 424.812 | |
| Shipping segment | 190.456 | 26.467 | 769 | 217.691 | |
| Infrastructure segment | 129.265 | 72.517 | 3.013 | 204.795 | |
| Diensten segment | 3 | 0 | 2.323 | 2.326 | |
| Per 31 december 2021 | 319.724 | 98.983 | 6.105 | 424.812 |
De bankleningen hebben voornamelijk betrekking op:
De Groep heeft een financiering van USD 144,0 miljoen afgesloten voor de twee nieuwe VLGC's: FLANDERS INNOVATION met ingang van juni 2021 (USD 72,0 miljoen) en FLANDERS PIONEER met ingang van september 2021 (eveneens USD 72,0 miljoen) en vervallend over 15 jaar. De impliciete gewogen gemiddelde rentevoet van deze leningen bedraagt 5,62%.
In het laatste kwartaal van 2018 heeft EXMAR haar LPG vloot geherfinancierd: vijf schepen werden geherfinancierd onder deze transactie in oktober 2018, één schip werd geherfinancierd in december 2018 en vier schepen in april 2019. De leningen zijn terugbetaalbaar in driemaandelijkse schijven en de van toepassing zijnde intrestvoet bedraagt drie maanden LIBOR plus 2,4%. De laatste terugbetaling is voorzien in december 2025. Alle verplichtingen van de ontlener werden gegarandeerd door EXMAR NV (borgsteller).
Eind juni 2017 tekende EXPORT LNG Limited (een 100% dochteronderneming van EXMAR NV) een financieringsovereenkomst van USD 200,0 miljoen met Bank of China (BoC), Deutsche Bank en Sinosure voor de financiering van de TANGO FLNG. De lening werd opgenomen op 27 juli 2017 op het moment van de levering van de TANGO FLNG. De lening met BoC voorziet een terugbetalingstermijn van 12 jaar en een variabele rentevoet van zes maanden LIBOR plus 3% (tot eind juni 2021) en 2,2% vanaf juli 2021. De jaarlijks geschatte schuldaflossing bedraagt USD 21,3 miljoen. Alle verplichtingen van de ontlener werden gegarandeerd door EXMAR NV (borgsteller).
Er bestaat een verplichting voor EXPORT om USD 66,0 miljoen aan te houden op een geblokkeerde rekening (debt service reserve account). Het verschil met het geregistreerd bedrag aan geblokkeerde kasequivalenten in de geconsolideerde balans kan verklaard worden door de geblokkeerde rekening bij BoC dewelke gebruikt wordt voor de periodieke schuld- en intrestaflossing.
Voor de financiering van het vliegtuig, aangehouden voor verkoop, is in februari 2020 een lening afgesloten voor een periode van één jaar en een bedrag van USD 9,5 miljoen tegen een rente van drie maanden LIBOR plus een marge van 2,25%. De aflossingen bedroegen USD 300K per kwartaal met een finale betaling van USD 8,3 miljoen aan het einde van de looptijd van de lening. De leningsovereenkomst werd in februari en mei 2021 gewijzigd, waarbij de lening werd verlengd tot februari 2023 en de variabele rente werd vervangen door een vaste rente van 3,16%. De betalingen bedragen USD 466K per kwartaal met een resterende finale betaling van USD 3,5 miljoen op de vervaldag.
In mei 2020 verkreeg EXMAR van Belgische financiële instellingen een doorlopende kredietfaciliteit van EUR 18,0 miljoen met vervaldatum 1 februari 2022 tegen een intrestvoet van EURIBOR drie maanden plus 2,0% marge. Deze faciliteit werd verlengd tot juni 2024 en kan verhoogd worden tot USD 30,0 miljoen, dit laatste op voorwaarde van de tewerkstelling van minstens één van de twee platformen. EXMAR heeft geen beroep gedaan op deze faciliteit per eind 2021 en heeft USD 3,7 miljoen eind 2020 gebruikt.
Op 11 november 2021 ondertekende EXMAR een driejarige faciliteitovereenkomst van maximaal USD 50,0 miljoen met Sequoia Economic Infrastructure Income Fund (SEQI). De toepasselijke rentevoet is LIBOR plus een marge tussen 7,0% en 8,75%, afhankelijk van de netto leverage. De faciliteit is in 2021 nog niet gebruikt, maar zal worden gebruikt voor de terugbetaling van een deel van de obligatielening van NOK 650,0 miljoen, die in mei 2022 vervalt (zie hieronder).
De overige leningen hebben voornamelijk betrekking op een door EXMAR Netherlands BV uitgegeven obligatielening van NOK 650,0 miljoen toegewezen aan het Infrastructure segment met intrest drie maanden NIBOR plus 8,75% en vervaldag in mei 2022. In de loop van 2021 heeft EXMAR een nominaal bedrag van NOK 25,0 miljoen of USD 2,9 miljoen van de obligatie teruggekocht. Het uitstaande saldo per 31 december 2021 bedraagt USD 71,3 miljoen. Bijkomende aankopen werden gedaan in 2022: zie Toelichting 36 Gebeurtenissen na balansdatum.
Alle uitgegeven obligaties werden gegarandeerd door EXMAR NV ("borgsteller"). EXMAR NV moet ten allen tijde rechtstreeks of onrechtstreeks een 100% belang aanhouden in de uitgever. Het renterisico in NOK is niet afgedekt door financiële instrumenten en sinds eind 2021 is het risico NOK/USD gedeeltelijk ingedekt door forwardcontracten: EXMAR heeft in december 2021 NOK 240,0 miljoen forwards gekocht voor USD 26,3 miljoen, wat resulteert in een reële waarde winst van USD 0,9 miljoen op 31 december 2021 (zie ook Toelichting 8 Financiële opbrengsten/kosten en Toelichting 28 Financiële risico's en financiële instrumenten).
In de loop van 2021 heeft EXMAR haar pre-delivery financiering voor de twee VLGC's (zie hierboven) ten belope van USD 20,0 miljoen terugbetaald aan Maritime Asset Partners.
De overige leningen omvatten het uitstaande equity gedeelte van de JOLCO (Japanese Operating Lease with Call Option) financiering, afgesloten op hetzelfde moment als de hierboven vermeldde bankleningen van de pressurized vloot en met dezelfde einddata. Het management gaat ervan uit dat de aankoopopties op het einde van de leasingcontracten zullen worden uitgeoefend, wat zal resulteren in een bijkomende kasuitstroom van USD 15,8 miljoen.
In het algemeen wordt gesteld dat de leningen aangegaan door EXMAR en haar joint ventures, gewaarborgd zijn door de onderliggende activa dewelke eigendom zijn van EXMAR en van haar joint ventures. Verder bestaan er verschillende panden en andere soorten van garanties dewelke de leningen waarborgen. Dividend beperkingen werden opgenomen als een speciale convenant in de voorwaarden van de obligatielening. EXMAR zal niet overgaan tot de uitkering of betaling van een dividend in cash of in natura dewelke in totaliteit 50,0% overschrijdt van het geconsolideerd resultaat na belastingen (proportionele consolidatie) gebaseerd op de geauditeerde geconsolideerde financiële staten van het voorgaande boekjaar. EXMAR heeft financiële activa in pand gegeven als zekerheid voor bepaalde schulden. We verwijzen naar Toelichting 21 Geblokkeerde kasequivalenten en kas en kasequivalenten waar het bedrag van geblokkeerde kasequivalenten met betrekking tot kredietovereenkomsten wordt toegelicht.
Verschillende lening convenanten zijn eveneens van toepassing en vereisen naleving van bepaalde financiële ratio's. Deze ratio's worden zesmaandelijks berekend op basis van EXMARs geconsolideerde cijfers waar de joint ventures niet geconsolideerd worden volgens IFRS 11 maar volgens de proportionele consolidatie methode (analoog met de waarderingsregels gebruikt voor segment rapporteringsdoeleinden). We verwijzen naar onderstaande tabel voor een overzicht van de van toepassing zijnde convenanten.
| Actuele positie | Actuele positie | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Ratio | Pressurized faciliteit |
TANGO FLNG faciliteit |
Obligatie | Krediet faciliteiten (1) |
Overige (2) | 31 december 2021 (3) |
31 december 2020 (3) |
| Minimum | ≥ USD 300 | ≥ USD 300 | ≥ USD 300 | ≥ USD 300 | ≥ \$ 300m | USD 536,5 | USD 545,9 |
| boekhoudkundig eigen | miljoen | miljoen | miljoen | miljoen | + 50% van | miljoen | miljoen |
| vermogen | het resultaat indien positief |
||||||
| Minimum vrije liquide | ≥ USD 25 | ≥ USD 25 | ≥ USD 20 | ≥ USD 20 | ≥ USD 40 | USD 107,1 | USD 53,7 |
| middelen | miljoen | miljoen | miljoen | miljoen | miljoen | miljoen | miljoen |
| Ratio eigen vermogen (Eigen vermogen/Totale activa) |
≥ 25% | ≥ 25% | NVT | NVT | NVT (4) | 45,39% | 44,43% |
| Netto intrestdragende schuld of NIDS/eigen vermogen |
NVT | NVT | Maximum 2.50 |
Maximum 2.50 |
NVT | 0,97 | 0,95 |
| Intrestdekkingsratio | NVT | minimum 2:1 |
minimum 2:1 |
minimum 2:1 |
NVT | 3,84 | 7,24 |
| Werkkapitaal | minimum | minimum | minimum | minimum | minimum | USD 146,1 | USD 129,2 |
| positief | positief | positief | positief | positief | miljoen | miljoen | |
| Netto financiële schulden ratio |
NVT | NVT | NVT | < 70% | NVT | 49,56% | 48,93% |
| Openstaande schuld | 70.354 | 129.265 | 71.324 | - | - |
(1) Gerelateerd aan de nieuwe Sequoia USD-faciliteit (2021) alsook de EUR-kredietfaciliteit.
(2) Overige omvatte de pre-delivery financiering verkregen van Maritime Asset Partners (zie hierboven) en aan leningen die zijn opgenomen in de proportionele consolidatie maar niet in de vermogensmutatie consolidatie en bijgevolg is het uitstaande leningsbedrag voor deze convenant niet opgenomen in de "Openstaande schuld" in de tabel hierboven. Het uitstaande leningsbedrag voor deze convenant in de proportionele consolidatie bedraagt USD 8,8 miljoen.
(3) De gepresenteerde actuele bedragen zijn gebaseerd op de meest restrictieve berekeningen.
(4) Niet langer van toepassing in 2021 aangezien deze convenant betrekking had de op de pre-delivery financiering verkregen van Maritime Asset Partners.
Uitleg van de belangrijkste definities die zijn toegepast in de berekeningen van de convenanten:
Per 31 december 2021 voldeed EXMAR aan de van toepassing zijnde convenanten met voldoende marge. EXMAR volgt voortdurend de naleving van alle convenanten op om ervoor te zorgen dat alle convenanten zullen gehaald worden per juni 2022 en december 2022. Er bestaat een potentieel risico dat EXMAR in 2022 niet aan al haar convenanten zou kunnen voldoen. Het management onderzoekt momenteel verschillende mogelijkheden om dit tijdig te remediëren, zoals verkoop van activa, schuldherschikking of het bekomen van een vrijstelling, indien nodig.
Het management heeft er echter vertrouwen in dat EXMAR haar convenantverplichtingen zal nakomen en is daarom uitgegaan van de continuïteitsveronderstelling. Wij verwijzen naar de sectie Belangrijke oordelen en schattingen voor bijkomende informatie.
Indien EXMAR niet voldoet aan deze convenanten kunnen vroegtijdige terugbetalingen mogelijk zijn en bijgevolg dienen de gerelateerde schulden dan gepresenteerd te worden op korte termijn.
Volgende stappen dienen te worden genomen in overeenstemming met de van toepassing zijnde overeenkomsten moest een inbreuk vastgesteld worden:
De Groep heeft een aandelenoptieregeling ingevoerd waarbij bepaalde werknemers recht hebben om in te schrijven op een aantal opties. De opties zijn enkel uitoefenbaar na een periode van drie jaar en enkel voor werknemers die nog in dienst zijn na deze driejarige periode. Elke optie geeft de houder van de optie recht op één EXMAR aandeel.
De reële waarde van de diensten die in ruil voor de toegekende opties worden ontvangen, wordt bepaald op basis van de uitoefenprijs van de toegekende aandelenopties. De reële waarde van de ontvangen diensten wordt bepaald met behulp van een binominaal model. In dit model wordt onder andere uitgegaan van de contractuele looptijd van de optie.
| VERWACHTINGEN OP MOMENT VAN TOEKENNING | Plan 10 | Plan 9 | Plan 8 |
|---|---|---|---|
| Aantal opties openstaand op jaareinde | 333.250 | 336.100 | 391.500 |
| Reële waarde op toekenningsdatum (in EUR) | 3,21 | 2,32 | 3,36 |
| Aandelenkoers op toekenningsdatum (in EUR) | 9,62 | 10,00 | 11,33 |
| Uitoefenprijs bij toekenning (in EUR) | 9,62 | 10,54 | 10,54 |
| Verwachte volatiliteit (1) | 40,70% | 30,60% | 31,40% |
| Looptijd optie bij toekenning | 8 jaar | 8 jaar | 8 jaar |
| Vervaldatum | 2023 | 2022 | 2021 |
| Verwacht dividend | 0,3 eur/j | 0,3 eur/j | 0,4 eur/j |
| Risicovrije rentevoet | 0,53% | 0,62% | 1,87% |
(1) De verwachte volatiliteit is gebaseerd op de historische volatiliteit (berekend op basis van de gewogen gemiddelde resterende looptijd van de aandelenopties), aangepast voor eventuele verwachte wijzigingen in de toekomstige volatiliteit als gevolg van openbaar beschikbare informatie.
Plan 8 liep eind 2021 af en de resterende 391.500 opties vervielen. In 2021 en 2020 werden geen opties uitgeoefend, noch werden er nieuwe plannen toegekend.
| 2021 | 2020 | |||
|---|---|---|---|---|
| RECONCILIATIE OPENSTAANDE OPTIES | Aantal opties | Gewogen gemiddelde uitoefenprijs |
Aantal opties | Gewogen gemiddelde uitoefenprijs |
| Openstaande aandelenopties per 1 januari | 1.060.850 | 10,25 | 1.396.158 | 10,92 |
| Nieuw verleende opties | 0 | 0,00 | 0 | 0,00 |
| Wijzigingen tijdens het boekjaar | ||||
| Uitgeoefende opties | 0 | 0,00 | 0 | 0,00 |
| Vervallen/geschrapte opties | -409.000 | 10,52 | -335.308 | 13,04 |
| Openstaande aandelenopties per 31 december | 651.850 | 10,25 | 1.060.850 | 10,25 |
| Uitoefenbare aandelenopties per 31 december | 651.850 | 10,08 | 1.060.850 | 10,25 |
De gewogen gemiddelde resterende levensduur van de uitstaande optieplannen per einde december 2021 bedraagt 0,89 jaar (2020: 1,95 jaar).
Sinds 2018 werden alle plannen volledig in kost genomen.
De Groep voorziet in pensioenvoordelen voor de meeste van haar werknemers, hetzij direct, hetzij via een bijdrage aan een onafhankelijk fonds. De pensioenvoordelen voor het kaderpersoneel in dienst vóór 1 januari 2008 worden verstrekt onder een te bereiken doel plan. Dit plan is een te bereiken doel plan waarbij een eindloonstelsel van toepassing is.
Voor kaderleden in dienst na 1 januari 2008, werknemers gepromoveerd tot kaderlid na 1 januari 2008 en kaderleden die de leeftijd van 60 jaar bereikt hebben, voorziet de Groep pensioenvoordelen via een vast bijdrage plan. Belgische toegezegde bijdrageregelingen vallen onder toepassingsgebied van de Wet van 28 april 2003 op de aanvullende pensioenen, kort WAP genoemd. Volgens artikel 24 van deze wet is de werkgever verplicht een minimum rendement van 3,75% op de persoonlijke bijdragen van de werknemer en 3,25% op de bijdragen van de werkgever te garanderen en dit voor stortingen tot en met 31 december 2015. Vanaf januari 2016 dient de werkgever een gemiddeld minimum rendement van 1,75% te garanderen op zowel werknemersbijdragen als werkgeversbijdragen (zoals gewijzigd door de Wet van 18 december 2015).
Deze minimum rendementsgarantie overtreft over het algemeen het rendement dat gegarandeerd wordt door de verzekeringsmaatschappij. Aangezien de werkgever verplicht wordt een minimum rendement te garanderen, worden niet alle actuariële en investeringsrisico's overgedragen naar de verzekeringsmaatschappijen die deze plannen beheren. Bijgevolg voldoen deze plannen niet aan de definitie van toegezegde bijdragenregeling zoals gedefinieerd in IFRS en worden ze als een te bereiken doelplan geclassificeerd. Een actuariële berekening in overeenstemming met IAS 19 gebaseerd op de "projected unit credit (PUC)"-methode werd uitgevoerd in dit verband.
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 | 2019 | 2018 | 2017 |
|---|---|---|---|---|---|
| TE BEREIKEN DOEL PLANNEN | |||||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | -9.631 | -10.969 | -11.535 | -11.697 | -12.072 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | 9.017 | 9.408 | 8.839 | 7.626 | 7.361 |
| Contante waarde van de nettoverplichtingen | -614 | -1.561 | -2.696 | -4.072 | -4.711 |
| VAST BIJDRAGEPLAN | |||||
| Contante waarde van gefinancierde verplichtingen | -8.102 | -9.559 | -5.340 | -4.703 | -3.313 |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | 7.986 | 9.405 | 6.438 | 4.609 | 3.198 |
| Contante waarde van de netto (verplichtingen) activa | -116 | -154 | 1.099 | -94 | -115 |
| Totaal personeelsbeloningen | -730 | -1.715 | -1.597 | -4.166 | -4.826 |
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| WIJZIGINGEN IN DE VOORZIENINGEN GEDURENDE HET JAAR (1) | ||
| Voorziening per 1 januari | 20.528 | 18.065 |
| Uitkeringen | -1.623 | -1.812 |
| Werkelijke werknemersbijdragen | 195 | 208 |
| Intrestkosten | 76 | 85 |
| Aan het dienstjaar toegekende pensioenkosten | 719 | 750 |
| Werkelijke taksen betaald op bijdragen (exclusief intresten) | -128 | -131 |
| Actuariële winsten/verliezen | -513 | 221 |
| Correctie paragraaf 115 | 0 | -200 |
| Wisselkoersverschillen | -1.521 | 3.342 |
| Voorziening per 31 december | 17.733 | 20.528 |
| WIJZIGINGEN IN DE REËLE WAARDE VAN DE FONDSBELEGGINGEN (1) | ||
| Reële waarde fondsbeleggingen per 1 januari | 18.813 | 15.277 |
| Ontvangen stortingen | 1.232 | 1.261 |
| Uitkeringen | -1.623 | -1.812 |
| Intrestopbrengsten | 74 | 83 |
| Werkelijke taksen betaald op bijdragen (exclusief intresten) | -128 | -131 |
| Werkelijke administratiekosten | -68 | -69 |
| Actuariële winst/verlies | 134 | 605 |
| Correctie paragraaf 115 | 0 | 410 |
| Wisselkoersverschillen | -1.431 | 3.189 |
| Reële waarde fondsbeleggingen per 31 december (2) | 17.003 | 18.813 |
| Netto toegezegde verplichting per 31 december | 730 | 1.715 |
(1) De wijzigingen in pensioenverplichtingen en fondsbeleggingen omvatten zowel de toegezegde pensioenregelingen als de Belgische toegezegde bijdrageregelingen die kwalificeren als een toegezegde pensioenregeling.
(2) De fondsbeleggingen bevatten geen EXMAR aandelen en geen vastgoed door EXMAR in gebruik genomen.
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| KOSTEN OPGENOMEN IN GEREALISEERDE RESULTATEN | ||
| Aan het dienstjaar toegekende pensioenkosten | -719 | -750 |
| Intrestkosten | -76 | -85 |
| Verwacht rendement op fondsbeleggingen | 74 | 83 |
| Administratiekosten | -68 | -69 |
| Totale pensioenkosten opgenomen in de winst- en verliesrekening (zie toelichting 7) | -789 | -821 |
| KOSTEN OPGENOMEN IN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN | ||
| Opname van actuariële winsten en verliezen | 647 | 384 |
| Totale pensioenkosten opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten | 647 | 384 |
De verwachte werkgeversbijdragen voor het volgende boekjaar bedragen:
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Inschatting van bijdragen verwacht te betalen volgend jaar | 1.142 | 1.285 |
De actuariële veronderstellingen en de gemiddelde looptijd van de regelingen worden hieronder gedetailleerd weergegeven:
| (In gewogen gemiddelden) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| BELANGRIJKSTE ACTUARIËLE VERONDERSTELLINGEN | ||
| Verdisconteringsvoet per 31 december | 0,70% | 0,15% |
| Verwacht rendement op activa per 31 december | 0,70% | 0,15% |
| Inflatie | 1,90% | 1,75% |
| Looptijd van te bereiden doel plannen (in jaren) | 9 | 6 |
| Looptijd van vaste bijdrageplannen (in jaren) | 18 | 16 |
De fondsbeleggingen zijn als volgt samengesteld:
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Eigen vermogen instrumenten | 4,0% | 2,5% |
| Leningen | 89,0% | 88,5% |
| Vastgoed | 6,0% | 8,0% |
| Kasgelden | 1,0% | 1,0% |
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Handelsschulden | 22.990 | 20.868 |
| Overige schulden | 7.749 | 7.925 |
| Over te dragen opbrengsten | 6.501 | 8.839 |
| Handels- en overige schulden | 37.241 | 37.632 |
| Waarvan financiële schulden (Toelichting 28) | 30.681 | 28.070 |
De over te dragen opbrengsten omvatten reeds gefactureerde opbrengsten die betrekking hebben op volgende boekjaren, zoals huuropbrengsten, vrachten, ...
In zijn normale beleidsvoering is de Groep blootgesteld aan diverse risico's zoals beschreven in de Corporate Governance Verklaring. De Groep is blootgesteld aan krediet-, intrest-, valuta- en liquiditeitsrisico's. Om deze risico's te beheren, maakt de Groep gebruik van verschillende financiële instrumenten, voornamelijk intrestafdekkingen gesitueerd binnen onze joint ventures alsook valuta forwardcontracten.
De Groep past hedge accounting toe voor alle transacties die voor hedge accounting in aanmerking komen (formele documentatie en effectiviteitstest bij aanvang en op voortdurende basis). Financiële instrumenten worden initieel gewaardeerd aan reële waarde. Vervolgens wordt het effectieve deel van de wijziging in reële waarde erkend in het eigen vermogen. Niet-effectieve delen van wijziging in reële waarde en wijzigingen in reële waarde van financiële instrumenten die niet voor hedge accounting in aanmerking komen, worden direct in de winst- en verliesrekening verwerkt.
De volgende tabel geeft de financiële activa en passiva weer, gewaardeerd tegen reële waarde, volgens de reële waardehiërarchie:
| (In duizenden USD) | ||||
|---|---|---|---|---|
| 31 DECEMBER 2021 | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
| Afgeleide financiële instrumenten | 0 | 920 | 0 | 920 |
| Aandelen gewaardeerd aan FVTPL | 938 | 911 | 0 | 1.849 |
| Totaal financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde | 938 | 1.831 | 0 | 2.769 |
| Totaal financiële verplichtingen gewaardeerd tegen reële waarde | 0 | 0 | 0 | 0 |
| (In duizenden USD) | ||||
| 31 DECEMBER 2020 | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
| Aandelen gewaardeerd aan FVTPL | 292 | 1.062 | 0 | 1.354 |
| Totaal financiële activa gewaardeerd tegen reële waarde | 292 | 1.062 | 0 | 1.354 |
| Totaal financiële verplichtingen gewaardeerd tegen reële waarde | 0 | 0 | 0 | 0 |
Alle andere financiële instrumenten dan de hierboven vermelde worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs.
Het kredietrisico wordt continu centraal opgevolgd door de Groep. Kredietwaardigheidscontroles worden uitgevoerd wanneer dit wenselijk wordt geacht.
Op afsluitdatum werden geen noemenswaardige kredietwaardigheidsproblemen vastgesteld. Het grootste saldo in handelsvorderingen en overige vorderingen heeft betrekking op het uitstaande bedrag van de schikkingsvergoeding voor YPF: USD 24,4 miljoen eind 2021 en USD 109,8 miljoen eind 2020. Wij verwijzen naar Toelichting 4 Opbrengsten voor bijkomende informatie. Het saldo van het schikkingsbedrag moet door YPF worden betaald in maandelijkse termijnen die worden gedekt door een financiële zekerheid die is gegeven door een tegenpartij met een "investment grade"-rating.
De leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures omvatten aandeelhoudersleningen aan deze ondernemingen welke een LPG schip of Offshore platform exploiteren of bezitten. Aangezien alle schepen operationeel zijn en inkomsten genereren of in onderpand zijn gegeven als waarborg voor de onderliggende lening, verwachten wij geen terugvorderbaarheidsproblemen voor de uitstaande leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures. De geassocieerde ondernemingen en joint ventures waarvan het aandeel in het eigen vermogen negatief is, worden toegewezen aan de andere componenten (voornamelijk in mindering van vorderingen) van het belang van de investeerder in de geassocieerde onderneming of joint venture voor zover de Groep een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft. Wanneer het negatieve eigen vermogen dit belang overtreft, dan wordt een corresponderende verplichting geregistreerd in dit verband. De looptijd van de aandeelhoudersleningen wordt besproken in Toelichting 16 Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures. Begin 2022 werd USD 7,5 miljoen terugbetaald.
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures | 32.249 | 41.313 |
| Afgeleide financiële instrumenten | 920 | 0 |
| Overige investeringen - aandelen gewaardeerd aan FVTPL | 1.849 | 1.354 |
| Handels- en overige vorderingen (zie Toelichting 19) | 48.534 | 125.865 |
| Geblokkeerde kasequivalenten | 76.121 | 75.575 |
| Kas en kasequivalenten | 71.130 | 28.195 |
| Boekwaarden van financiële activa | 230.803 | 272.301 |
De boekwaarden van de financiële activa geven het maximale kredietrisico weer.
Aangezien het bedrag aan vervallen vorderingen niet materieel is, werd er geen gedetailleerde ouderdomsanalyse gemaakt. In 2021 werd een waardevermindering van USD 1,1 miljoen geboekt (2020: USD 0,1 miljoen) met betrekking tot overige vorderingen.
De intrestdragende leningen worden meestal onderhandeld met variabele intrestvoeten. Om dit intrestrisico in te dekken, maakt de Groep gebruik van een aantal intrestafdekkingsinstrumenten wanneer het management van mening is dat het voordelig is om dit te doen. Momenteel bestaan er geen Interest Rate Swaps ("IRS") contracten in onze dochterondernemingen. Anderzijds bestaan er verschillende IRS contracten binnen onze joint ventures. De Groep past hedge accounting toe indien aan de voorwaarden wordt voldaan. Wanneer geen hedge accounting wordt toegepast, worden de wijzigingen in de reële waarde verwerkt in de winst- en verliesrekening.
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Totaal intrestdragende leningen (exclusief leaseverplichtingen) | 418.707 | 337.946 |
| met vaste intrest | 173.079 | 46.346 |
| met variabele intrest | 245.628 | 291.599 |
| Intrest afdekkingsinstrumenten (nominaal bedrag) | 0 | 0 |
| Netto blootstelling | 245.628 | 291.599 |
Bij een wijziging in de intrestvoet van 50 basispunten, zouden de cijfers worden beïnvloed met onderstaande bedragen (onder de veronderstelling dat de andere variabelen niet wijzigen):
| 2021 | 2020 | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| (In duizenden USD) | + 50 bp | - 50 bp | + 50 bp | - 50 bp | |
| Leningen met variabele intrest | 1.228 | -1.228 | 1.458 | -1.458 | |
| Intrest afdekkingsinstrumenten | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| Netto gevoeligheid | 1.228 | -1.228 | 1.458 | -1.458 | |
| Effect op winst- en verliesrekening | 1.228 | -1.228 | 1.458 | -1.458 | |
| Effect op eigen vermogen | 0 | 0 | 0 | 0 |
Het bedrag van de leningen met vaste intrest steeg aanzienlijk in 2021 als gevolg van de nieuwe financiering voor de twee nieuwe VLGC's (zie Toelichting 24 Leningen).
Een belangrijk gedeelte van EXMARs intrestopbrengsten zijn afkomstig van leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures met een variabele intrestvoet. Een stijging/ daling van de intrestvoet zou resulteren in een stijging/ daling van de intrestopbrengsten maar zou grotendeels geneutraliseerd worden door een stijging/ daling van de intrestkosten erkend door de joint venture/ geassocieerde onderneming voor het corresponderende bedrag. Bijgevolg heeft elke stijging/ daling van de variabele intrestvoet van toepassing op leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures geen invloed op het netto resultaat van de groep. Bijgevolg werden leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures niet opgenomen in bovenstaande gevoeligheidsanalyse.
Het valutarisico van de Groep wordt historisch vooral beïnvloed door de EUR/USD wisselkoers voor de bemanning van haar vloot, de betaling van salarissen en alle andere personeelsgerelateerde uitgaven. Daarnaast wordt ook de NOK/USD evolutie van nabij opgevolgd aangezien EXMAR Netherlands BV een ongedekte obligatielening heeft van NOK 650,0 miljoen. Om het wisselkoersrisico op te volgen, maakt de Groep gebruik van een reeks instrumenten ter indekking van het wisselkoersrisico en termijncontracten indien dit nodig wordt geacht. Per 31 december 2021 en 2020 stonden geen financiële instrumentencontracten uit om de EUR/USD af te dekken. Eind 2021 kocht EXMAR voor NOK 240,0 miljoen termijncontracten voor USD 26,3 miljoen, wat resulteerde in een reële waarde winst van USD 0,9 miljoen (zie Toelichting 8 Financiële opbrengsten/kosten). Eind 2020 stonden er geen dergelijke instrumenten uit om het NOK/USD risico in te dekken.
Blootstelling aan het valutarisico, gebaseerd op nominale bedragen in duizenden in vreemde munt:
| (In duizenden lokale | 2021 | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| valuta) | EUR | NOK | SGD | ARS | EUR | 2020 NOK |
SGD | ARS |
| Vorderingen | 5.845 | 55 | 27 | 199.458 | 6.558 | 0 | 1 | 235.374 |
| Schulden | -10.453 | -7.636 | -106 | -30.640 | -15.589 | 0 | -2.424 | -101.419 |
| Intrestdragende leningen | 0 | -625.391 | 0 | 0 | -3.000 | -650.000 | 0 | 0 |
| Risico | -4.608 | -632.972 | -79 | 168.818 | -12.031 | -650.000 | -2.423 | 133.955 |
| Termijncontracten | 240.000 | |||||||
| Netto blootstelling | -4.608 | -392.972 | -79 | 168.818 | -12.031 | -650.000 | -2.423 | 133.955 |
| In duizenden USD | -5.219 | -44.558 | -59 | 1.643 | -14.763 | -76.179 | -1.833 | 1.592 |
Een toename van 10,0% van de EUR/USD slotkoers zou de resultatenrekening van 2021 beïnvloeden met USD -0,5 miljoen (2020: USD -1,5 miljoen). Een daling van de EUR/USD slotkoers met 10,0% zou de resultatenrekening met eenzelfde bedrag (tegenovergesteld teken) beïnvloeden.
Zoals hierboven vermeld is de NOK/ USD verhouding op de uitstaande obligatielening in NOK gedeeltelijk afgedekt door financiële instrumenten. Een toename van 10,0% van de NOK/USD slotkoers zou de resultatenrekening van 2021 beïnvloeden met USD -4,5 miljoen voor het niet-afgedekte NOK bedrag (2020 geen dekking en impact van USD -7,6 miljoen). Een daling van de NOK/USD slotkoers met 10,0% zou de resultatenrekening met eenzelfde bedrag (tegenovergesteld teken) beïnvloeden.
De Groep beheert haar liquiditeitsrisico om zo aan haar financiële verplichtingen op vervaldag te voldoen. Het liquiditeitsrisico wordt beheerd door een continue opvolging van kasstroomprojecties, toetsing van liquiditeitsratio's aan interne en externe verplichtingen en door het aanhouden van diverse financieringsbronnen met adequate back-up faciliteiten.
Verschillende lening convenanten zijn eveneens van toepassing en vereisen naleving van bepaalde financiële ratio's. Per 31 december 2021 voldeed EXMAR aan de van toepassing zijnde convenanten. We verwijzen in dit verband eveneens naar Toelichting 24 Leningen.
Onze verplichtingen op korte termijn zoals handelsschulden en overige schulden worden verwacht betaald te zijn in de komende twaalf maanden en werden bijgevolg niet opgenomen in onderstaande tabel. De contractuele looptijd van onze financiële verplichtingen en leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures, inclusief verwachte intrestbetalingen, wordt weergegeven in onderstaande tabel. De contractuele looptijd van onze financiële schulden is gebaseerd op de contractuele aflossingstabellen van de leningen. Het niet-opgenomen gedeelte van onze kredietfaciliteiten is niet opgenomen in de onderstaande tabellen.
De contractuele vervaldagen van onze leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures zijn gebaseerd op de kasstroomprognoses voor toekomstige jaren voor de aandeelhouderslening van EXMAR LPG en de verwachte terugbetaling van de lening voor de Electra Offshore Ltd faciliteit (waarover de verlenging voorwaarden nog wordt onderhandeld), exclusief saldering van negatieve eigen vermogens (zie Toelichting 16 Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures).
EXMAR heeft ook garanties toegekend aan bankinstellingen dewelke leningen hebben toegekend aan haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures. Het bedrag dat EXMAR zou moeten betalen wanneer de garantie wordt aangewend is toegelicht in onderstaande tabel onder garanties.
| (In duizenden USD) | Intrest | Boek | Contractuele kasstromen | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 31 DECEMBER 2021 | Val. | voet Looptijd | waarde | Totaal | < 1 jaar | 1-2 jaar | 2-5 jaar | > 5 jaar | |
| Bank-/overige leningen | USD | LIBOR+ | 2023 - | -70.339 | -74.827 | -16.384 | -19.334 | -39.109 | 0 |
| -pressurized vloot | 2,4% | 2025 | |||||||
| Banklening - | USD | LIBOR+ | 2029 | -129.265 | -158.464 | -21.079 | -21.880 | -61.334 | -54.171 |
| TANGO FLNG | 2,2% | ||||||||
| Bank leningen VLGC's | USD | 5,62% | 2036 | -140.927 | -217.650 | -13.323 | -13.323 | -39.465 | -151.540 |
| Banklening - vliegtuig | USD | 3,16% | 2023 | -5.658 | -5.675 | -1.864 | -3.811 | 0 | 0 |
| Obligatie | NOK | NIBOR+ | 2022 | -71.324 | -73.966 | -73.966 | 0 | 0 | 0 |
| 8,75% | |||||||||
| Overige leningen | USD | 1,0% | 2022 | -1.194 | -1.194 | -1.194 | 0 | 0 | 0 |
| Leaseverplichtingen | USD | -2.550 | -2.969 | -581 | -507 | -1.399 | -481 | ||
| Leaseverplichtingen | EUR | -3.422 | -3.578 | -858 | -833 | -1.667 | -220 | ||
| Leaseverplichtingen | SGD | -66 | -67 | -66 | -1 | 0 | 0 | ||
| Leaseverplichtingen | INR | -67 | -72 | -48 | -25 | 0 | 0 | ||
| -424.812 | -538.463 | -129.364 | -59.712 | -142.975 | -206.412 | ||||
| Leningen aan geassocieerde | USD | 32.249 | 43.774 | 18.683 | 7.609 | 17.483 | 0 | ||
| ondernemingen en joint | |||||||||
| ventures | |||||||||
| Financiële garanties | USD | 0 | -236.918 | -37.828 | -124.860 | -20.495 | -53.734 |
| (In duizenden USD) | Intrest | Boek | Contractuele kasstromen | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 31 DECEMBER 2020 | Val. | voet Looptijd | waarde | Totaal | < 1 jaar | 1-2 jaar | 2-5 jaar | > 5 jaar | |
| Bank-/overige leningen | USD | LIBOR+ | 2023 - | -83.735 | -91.594 | -16.529 | -16.617 | -58.448 | 0 |
| -pressurized vloot | 2,4% | 2025 | |||||||
| Banklening - | USD | LIBOR+ | 2029 | -145.247 | -187.967 | -23.681 | -23.340 | -65.903 | -75.043 |
| TANGO FLNG | 3,0% | ||||||||
| Banklening - vliegtuig | USD | LIBOR+ 2,25% |
2021 | -7.927 | -7.959 | -7.959 | 0 | 0 | 0 |
| Kredietfaciliteit | USD | LIBOR+ 2,0% |
2022 | -3.686 | -3.760 | -3.760 | 0 | 0 | 0 |
| Obligatie | NOK | NIBOR+ 8,75% |
2022 | -76.129 | -88.368 | -8.148 | -80.220 | 0 | 0 |
| Overige leningen | USD | 10,75% | 2021 | -20.000 | -21.266 | -21.266 | 0 | 0 | 0 |
| Overige leningen | USD | 1,00% | 2025 | -1.222 | -1.283 | -12 | -12 | -1.259 | 0 |
| Leaseverplichtingen | USD | -2.110 | -2.188 | -998 | -940 | -250 | 0 | ||
| Leaseverplichtingen | EUR | -1.222 | -1.323 | -633 | -123 | -368 | -199 | ||
| Leaseverplichtingen | SGD | -201 | -210 | -134 | -68 | -8 | 0 | ||
| Leaseverplichtingen | INR | -67 | -75 | -29 | -30 | -16 | 0 | ||
| Leasingschulden gebruiksrechten | CNY | -73 | -76 | -51 | -25 | 0 | 0 | ||
| -341.619 | -406.069 | -83.200 | -121.376 | -126.252 | -75.242 | ||||
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures |
USD | 41.313 | 57.927 | 13.882 | 11.415 | 32.630 | 0 | ||
| Financiële garanties | USD | 0 | -255.534 | -37.803 | -20.203 | -137.222 | -60.306 |
| 2021 | 2020 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Reële | Reële | |||||
| waarde | Boek | waarde | Boek | |||
| (In duizenden USD) | hiërarchie | waarde | Reële waarde | hiërarchie | waarde | Reële waarde |
| Leningen aan geassocieerde ondernemingen en | 2 | 32.249 | 32.069 | 2 | 41.313 | 40.857 |
| joint ventures | ||||||
| Overige investeringen - aandelen gewaardeerd aan | 1/2 | 1.849 | 1.849 | 1/2 | 1.354 | 1.354 |
| FVTPL | ||||||
| Afgeleide financiële instrumenten | 2 | 920 | 920 | 0 | 0 | |
| Leningen (exclusief leaseverplichtingen) | 2 | -418.707 | -418.720 | 2 | -337.946 | -344.785 |
| -383.689 | -383.882 | -295.279 | -302.574 |
De financiële activa en verplichtingen gewaardeerd aan reële waarde worden geanalyseerd en krijgen een hiërarchie toegekend ter bepaling van de reële waarde:
De opsplitsing tussen niveau 1 en niveau 2 voor aandelen gewaardeerd aan FVTPL wordt weergegeven in het begin van deze toelichting.
Voor bepaalde financiële activa en verplichtingen (handelsvorderingen en overige vorderingen, kas en kasequivalenten, handelsschulden en overige schulden en leaseverplichtingen) dewelke niet gewaardeerd worden aan reële waarde, wordt geen reële waarde toegelicht aangezien de boekwaarde een goede benadering is van de reële waarde.
De Groep huurt verschillende activa, waaronder gebouwen, motorvoertuigen en IT-materiaal.
| (In duizenden USD) | Motor | |||
|---|---|---|---|---|
| GEBRUIKSRECHTEN | Gebouwen | voertuigen | IT materiaal | Totaal |
| Saldo per 31 december 2020 | 3.201 | 0 | 260 | 3.461 |
| Saldo per 31 december 2021 | 5.827 | 0 | 173 | 6.000 |
Voor de volledige mutatietabel met betrekking tot de gebruiksrechten inclusief de geboekte afschrijvingen van het boekjaar verwijzen we naar Toelichting 13 Gebruiksrechten.
De Groep heeft verschillende huurcontracten die verlengings- of beëindigingsopties bevatten. Deze opties worden door het management onderhandeld om flexibiliteit te bieden bij het beheer van de leaseportefeuille. Er wordt beoordeeld of het redelijk zeker is dat deze verlengings- en beëindigingsopties zullen worden uitgeoefend (zie Toelichting 1 Waarderingsregels).
Voor de looptijdanalyse met betrekking tot de leaseverplichtingen wordt verwezen naar Toelichting 28 Financiële risico's en financiële instrumenten.
| (In duizenden USD) | ||
|---|---|---|
| LEASING ONDER IFRS 16 | 2021 | 2020 |
| Intrestkosten op leaseschulden | 166 | 159 |
| Kosten met betrekking tot leasing van niet-significant activa | 522 | 454 |
De Groep heeft lange termijn charter overeenkomsten afgesloten voor bepaalde active in haar vloot. Voor wat betreft de leasing classificatie werd beoordeeld dat alle risico's en voordelen binnen de Groep blijven. Als gevolg hiervan kwalificeren deze overeenkomsten als operationele huurovereenkomsten.
Huurinkomsten erkend door de Groep gedurende 2021 bedroegen USD 41,9 miljoen (2020: 50,3 miljoen).
Onderstaande tabel bevat een looptijdanalyse van de leasebetalingen, met vermelding van de niet-verdisconteerde leasebetalingen die na de verslagdatum moeten worden ontvangen. Er zijn geen variabele leasebetalingen opgenomen. De daling van de totale leasebetalingen (bij de dochterondernemingen) ten opzichte van 2020 kan worden verklaard door de opzegging van het FSRU S188-contract (10 jaar), dat in april 2021 werd beëindigd (zie ook Toelichting 4 Opbrengsten). Een nieuwe charterovereenkomst voor vijf jaar voor de FSRU S188 werd ondertekend in maart 2022 met GASUNIE (zie Toelichting 36 Gebeurtenissen na balansdatum) en opgenomen in de tabel voor 2021 vanaf de verwachte operabiliteit op het einde van het derde kwartaal 2022. Beide jaren omvatten de operationele lease-inkomsten van de twee nieuwe VLGC's: FLANDERS INNOVATION en FLANDERS PIONEER vanaf hun (verwachte) startdatum.
De tabel hieronder met betrekking tot de geassocieerde ondernemingen en joint ventures bevat enkel het aandeel van EXMAR in de verwachte operationele lease betalingen.
| (In duizenden USD) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Minder dan één jaar | 50.398 | 44.363 |
| Eén tot twee jaar | 46.078 | 44.135 |
| Twee tot drie jaar | 44.460 | 44.135 |
| Drie tot vier jaar | 44.396 | 44.135 |
| Vier tot vijf jaar | 36.797 | 44.135 |
| Meer dan vijf jaar | 17.472 | 91.896 |
| Totale operationele leasing onder IFRS 16 (Dochterondernemingen) | 239.601 | 312.799 |
| Minder dan één jaar | 67.335 | 79.138 |
| Eén tot twee jaar | 21.554 | 28.848 |
| Twee tot drie jaar | 17.415 | 12.930 |
| Drie tot vier jaar | 12.553 | 12.930 |
| Vier tot vijf jaar | 5.425 | 12.930 |
| Meer dan vijf jaar | 1.750 | 8.050 |
| Totale operationele leasing onder IFRS 16 (geass. ondernemingen en JV) | 126.031 | 154.826 |
Per 31 december 2021 heeft de Groep geen materiële uitstaande investeringsverplichtingen.
Per 31 december 2020 bedroegen de investeringsverplichtingen USD 125,3 miljoen en hadden betrekking op scheepsbouwcontracten met Jiangnan Shipyard voor twee VLGC's met LPG als brandstof om haar langetermijnverbintenissen tegenover Equinor ASA in Noorwegen na te komen. Deze schepen werden in 2021 geleverd en gefinancierd.
In de loop van 2021 evolueerden de in het jaarverslag van 2020 aangekondigde voorwaardelijke gebeurtenissen positief:
Verschillende vennootschappen van de Groep zijn betrokken in een aantal kleine juridische geschillen die voortvloeien uit hun dagelijkse activiteiten. Het management verwacht niet dat de uitkomst van deze procedures enige materiële invloed zal hebben op de financiële positie van de Groep.
Saverex NV, de meerderheidsaandeelhouder van EXMAR NV, stelt IFRS geconsolideerde jaarrekeningen op die publiek beschikbaar zijn. Saverex NV wordt gecontroleerd door de heer Nicolas Saverys (Uitvoerend voorzitter van de Raad van Bestuur van EXMAR).
Saverbel NV, gecontroleerd door de heer Nicolas Saverys, heeft KEUR 76 administratiekosten doorgerekend aan de Groep (2020: KEUR 73). De openstaande schuld voor deze diensten bedraagt per jaareinde KEUR 27 (2020: KEUR 26).
Saverex NV, eveneens gecontroleerd door de heer Nicolas Saverys, factureerde KEUR 750 advieskosten aan de Groep (2020: KEUR 0). Sinds maart 2021 heeft EXMAR een consultancy overeenkomst afgesloten met Saverex NV waarvoor een maandelijkse vergoeding van KEUR 75 wordt aangerekend aan EXMAR. Verder heeft Saverex KEUR 24 administratiekosten (2020: KEUR 0) aangerekend en KEUR 235 tijdcharteropbrengsten voor het jacht "Douce France" aan EXMAR Yachting in rekening gebracht (in 2020: KEUR 146). Het uitstaande bedrag per jaareinde 2021 bedroeg KEUR 112 (2020: KEUR 0).
EXMAR Shipmanagement heeft aan Saverex KEUR 26 aangerekend voor scheepsbeheer met betrekking tot het jacht "Douce France" (2020: KEUR 22). Het uitstaande bedrag per jaareinde met betrekking tot deze diensten bedraagt KEUR 0 (2020: KEUR 0). EXMAR Yachting heeft met betrekking tot dit jacht KEUR 11 commissie aan Saverex in rekening gebracht (2020: KEUR 6). Het uitstaande bedrag aan het einde van het jaar met betrekking tot deze diensten bedraagt KEUR 0 (2020: KEUR 0).
Travel Plus heeft KEUR 80 gefactureerd aan Saverex en Nicolas Saverys met betrekking tot reisdiensten geleverd gedurende 2021 (2020: KEUR 87). Het uitstaande bedrag met betrekking tot deze diensten bedraagt KEUR 0 (2020: KEUR 1).
In de loop van 2021 werd een bedrag van KEUR 30 (2020: KEUR 54) gefactureerd aan de heer Nicolas Saverys als gevolg van door te rekenen privé-uitgaven. Het betreffende openstaande bedrag per 31 december 2021 met betrekking tot deze prestaties bedraagt KEUR 0 (2020: KEUR 5). Een bedrag van KEUR 60 werd aan de Groep gefactureerd met betrekking tot de kosten van Nicolas Saverys. Het openstaande bedrag per 31 december 2021 met betrekking tot deze prestaties bedraagt KEUR 0.
EXMAR levert algemene diensten, boekhoudkundige diensten, management diensten, bouwtoezicht diensten en scheepsbemannings en -onderhoud diensten aan aan haar joint ventures en geassocieerde ondernemingen. Voor al deze diensten worden vergoedingen aangerekend aan de joint ventures en geassocieerde ondernemingen gebaseerd op contracten tussen alle betrokken partijen. Onderstaande tabel geeft een overzicht van alle significante vorderingen, significante schulden en de gerelateerde bedragen geregistreerd in het overzicht van gerealiseerde resultaten als gevolg van geleverde en ontvangen diensten.
| 31 december 2021 | 31 december 2020 | |||
|---|---|---|---|---|
| (In duizenden USD) | Vorderingen | Schulden | Vorderingen | Schulden |
| Scheepsbemannings- en -onderhoud diensten | 6.373 | 105 | 3.612 | 56 |
| Algemene, boekhoudkundige en management diensten | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Bouwtoezicht diensten | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Verhuur diensten | 0 | 0 | 0 | 0 |
| 2021 | 2020 | |||
|---|---|---|---|---|
| Geleverde | Ontvangen | Geleverde | Ontvangen | |
| (In duizenden USD) | diensten | diensten | diensten | diensten |
| Scheepsbemannings- en -onderhoud diensten | 16.247 | 0 | 15.521 | 0 |
| Algemene, boekhoudkundige en management diensten | 817 | 0 | 841 | 0 |
| Bouwtoezicht diensten | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Verhuur & overige diensten | 0 | 0 | 0 | 0 |
EXMAR verstrekt eveneens leningen aan haar geassocieerde ondernemingen en joint ventures waarvoor intrestopbrengsten geboekt worden in de cijfers. We verwijzen in dit verband naar Toelichting 16 Leningen aan geassocieerde ondernemingen en joint ventures voor een overzicht van deze leningen en naar Toelichting 8 Financiële opbrengsten/kosten voor het totaal bedrag van deze intrestopbrengsten.
We verwijzen in verband met transacties met bestuurders en management naar het remuneratieverslag 2021 dewelke opgenomen werd in dit jaarverslag (zie Corporate Governance Verklaring). Voor informatie met betrekking tot belangenconflicten verwijzen we naar het Verslag van de Raad van Bestuur.
Bestuurders en management hebben KEUR 27 aan kosten doorgerekend. Het uitstaande bedrag per 31 december 2021 met betrekking tot deze diensten bedraagt KEUR 0.
| (In duizenden EUR) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Voorzitter | 100 | 26 |
| Andere leden (individueel bedrag) | 50 | 50 |
| Totaal betaald | 485 | 422 |
Het totaal bedrag betaald aan de leden van de Raad van Bestuur betreft het bedrag aan vergoedingen aan niet-uitvoerende en onafhankelijke bestuurders voor hun activiteiten als lid van de Raad van Bestuur. De uitvoerende bestuurders worden enkel vergoed in hun hoedanigheid van leidinggevende en niet in hun hoedanigheid van uitvoerende bestuurder/ lid van de Raad van Bestuur.
In 2021 en 2020 werden geen leningen toegekend aan de leden van de Raad van Bestuur. Het uitstaande bedrag met betrekking tot doorgerekende privé-uitgaven aan de heer Nicolas Saverys was nul op 31 december 2021 (2020: KEUR 5).
| (In duizenden EUR) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Voorzitter | 0 | 23 |
| Andere leden (individueel bedrag) | 10 | 10 |
| Totaal betaald | 46 | 49 |
| (In duizenden EUR) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Leden (individueel bedrag) | 10 | 10 |
| Totaal betaald | 28 | 29 |
In lijn met de algemene beloningsprincipes van EXMAR is de remuneratie van de leden van het Uitvoerend Comité afhankelijk van de prestaties van de Vennootschap en de individuele vaardigheden en prestaties. Het remuneratiepakket bestaat uit drie elementen:
Het niveau en de structuur van de vergoedingspakketten liggen in lijn met de marktpraktijken voor soortgelijke functies in vergelijkbare vennootschappen.
Einde 2021 telde het directiecomité vier leden. In de overeenkomsten met de leden van het Uitvoerend Comité zijn gebruikelijke opzegtermijnen en vertrekvergoedingen voorzien die rekening houden met factoren zoals de functie en de ervaring van het kaderlid, altijd binnen het toepasselijke wettelijke kader.
De Raad van Bestuur en de voormalige CFO, de heer Patrick De Brabandere, zijn in onderling overleg overeengekomen om de samenwerking te beëindigen met ingang van 1 juli 2021. Christine Verhaert, vertegenwoordiger van FINMORE BV, heeft hem vervangen.
In februari 2020 zijn de Raad van Bestuur en de voormalige CFO, de heer Miguel De Potter, in onderling overleg overeengekomen om de managementovereenkomst met Chirmont NV, vertegenwoordigd door de heer De Potter, te beëindigen met betaling van een opzeggingsvergoeding van KEUR 300.
| (In duizenden EUR) | ||
|---|---|---|
| DIRECTIECOMITÉ, EXCLUSIEF CEO | 2021 | 2020 |
| Totaal vaste vergoeding | 1.355 | 1.438 |
| waarvan voor pensioenplannen en verzekeringen | 32 | 64 |
| waarvan waarde van opties | 0 | 0 |
| Totale variabele vergoeding | 0 | 92 |
| (In duizenden EUR) | ||
| NICOLAS SAVERYS/SAVEREX | 2021 | 2020 |
| Totaal vaste vergoeding | 907 | 734 |
| waarvan voor pensioenplannen en verzekeringen | 43 | 145 |
| waarvan waarde van opties | 0 | 0 |
| Totale variabele vergoeding | 0 | 196 |
| (In duizenden EUR) | ||
| CEO | 2021 | 2020 |
| Totaal vaste vergoeding (1) | 575 | 867 |
| waarvan voor pensioenplannen en verzekeringen | 0 | 50 |
| waarvan waarde van opties | 0 | 0 |
| Totale variabele vergoeding | 0 | 78 |
(1) 2020 bevat de vergoeding van de CEO (Nicolas Saverys tot april 2020) en deputy CEO.
Aan de leden van het directiecomité werden geen leningen toegekend in 2021 of 2020.
Het totaal aantal opties (plan 8 tot 10) dat aan de leden van het directiecomité werd toegekend is als volgt:
| AANTAL TOEGEKENDE OPTIES | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Nicolas Saverys | 120.000 | 180.000 |
| Patrick De Brabandere | 0 | 120.000 |
| Jonathan Raes | 0 | 2.500 |
| 120.000 | 302.500 |
Een aantal bestuurders en managers, of hun directe familieleden, betrekken functies in andere vennootschappen over de welke zij controle of gezamenlijke controle uitoefenen. Geen van deze vennootschappen hebben transacties uitgevoerd met de Groep gedurende het boekjaar.
| GECONSOLIDEERDE VENNOOTSCHAPPEN | Land van Consolidatie vestiging methode |
Belang | ||
|---|---|---|---|---|
| 2021 | 2020 | |||
| Joint ventures | ||||
| AEX LNG Management (1) | Singapore | Eigen vermogen | 0,00% | 50,00% |
| Estrela Ltd | Hongkong | Eigen vermogen | 50,00% | 50,00% |
| EXMAR Gas Shipping Ltd | Hongkong | Eigen vermogen | 50,00% | 50,00% |
| EXMAR LPG BV | België | Eigen vermogen | 50,00% | 50,00% |
| EXMAR Shipping BV | België | Eigen vermogen | 50,00% | 50,00% |
| Good Investment Ltd | Hongkong | Eigen vermogen | 50,00% | 50,00% |
| Monteriggioni Inc | Liberia | Eigen vermogen | 50,00% | 50,00% |
| Solaia Shipping Llc | Liberia | Eigen vermogen | 50,00% | 50,00% |
| Geassocieerde ondernemingen | ||||
| Bexco NV | België | Eigen vermogen | 44,91% | 44,91% |
| Electra Offshore Ltd | Hongkong | Eigen vermogen | 40,00% | 40,00% |
| Exview Hong Kong Ltd | Hongkong | Eigen vermogen | 40,00% | 40,00% |
| Marpos NV | België | Eigen vermogen | 45,00% | 45,00% |
| Springmarine Nigeria Ltd | Nigeria | Eigen vermogen | 40,00% | 40,00% |
| Dochterondernemingen | ||||
| Ahlmar Germany GmbH | Duitsland | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Ahlmar Shipmanagement NV (1) | België | Integraal | 0,00% | 100,00% |
| Croxford Ltd (1) | Hongkong | Integraal | 0,00% | 100,00% |
| DV Offshore SAS | Frankrijk | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| ECOS SRL | Italië | Integraal | 60,00% | 60,00% |
| EXMAR Argentina | Argentinië | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Energy Hong Kong Ltd | Hongkong | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Energy Netherlands BV | Nederland | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Energy Services BV | Nederland | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Export Netherlands | Nederland | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR FSRU Hong Kong Ltd | Hongkong | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Holdings Ltd | Liberia | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Hong Kong Ltd | Hongkong | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR LPG Holding BV | België | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR LNG Investments Ltd | Liberia | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Lux SA | Luxemburg | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Marine NV | België | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Netherlands BV | Nederland | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR NV | België | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Offshore Company | VS | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Offshore Ltd | Bermuda | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| GECONSOLIDEERDE VENNOOTSCHAPPEN | Land van vestiging |
Consolidatie methode |
Belang | |
|---|---|---|---|---|
| 2021 | 2020 | |||
| EXMAR Offshore Services SA | Luxemburg | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Offshore BV | België | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Singapore Pte Ltd | Singapore | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Shipmanagement BV | België | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Shipmanagement India Private Ltd | India | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Shipping USA Inc | VS | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Small Scale LPG NL BV | Nederland | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Small Scale LPG HK Ltd | Hongkong | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR Small Scale LPG BE BV | België | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR (UK) Shipping Company Ltd | Groot-Brittannië | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR VLGC BV | België | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| EXMAR VLGC Netherlands BV (2) | Nederland | Integraal | 100,00% | 0,00% |
| EXMAR Yachting BV | België | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Export LNG Ltd | Hongkong | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Franship Offshore Lux SA | Luxemburg | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Fertility Development Co. Ltd (1) | Hongkong | Integraal | 0,00% | 100,00% |
| Hallsworth Marine Co. (1) | Liberia | Integraal | 0,00% | 100,00% |
| Internationaal Maritiem Agentschap NV | België | Integraal | 99,03% | 99,03% |
| Laurels Carriers Inc (1) | Liberia | Integraal | 0,00% | 100,00% |
| Seavie Caribean Ltd Jamaica | Jamaica | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Seavie Private Ltd | India | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Tecto Cyprus Ltd | Cyprus | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Tecto Luxembourg SA | Luxemburg | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Travel Plus BV | België | Integraal | 100,00% | 100,00% |
| Universal Crown Ltd (1) | Hongkong | Integraal | 0,00% | 100,00% |
(1) Geliquideerd.
(2) Opgericht.
De wereldwijde vergoedingen voor audit en overige werkzaamheden uitgevoerd door de commissaris of de aan hen gerelateerde personen of vennootschappen kan als volgt worden gedetailleerd:
| (In duizenden EUR) | 2021 | 2020 |
|---|---|---|
| Audit van de jaarrekeningen | 389 | 380 |
| Audit gerelateerde diensten | 109 | 115 |
| Fiscale dienstverlening | 31 | 69 |
| Vergoeding aan de commissaris | 529 | 564 |
Voor 2021 en 2020 overtreffen de non-audit diensten de audit diensten niet.
Sinds het eerste kwartaal van 2020 heeft de COVID-19-pandemie aanzienlijke gevolgen voor de wereldeconomie en dat zal in de komende jaren wellicht zo blijven. Veel landen stelden reisverboden in, namen quarantainemaatregelen en gingen zelfs over tot lockdowns. De pandemie leidde ook tot aanzienlijke volatiliteit op de financiële en grondstoffenmarkten wereldwijd.
Een van de grootste operationele uitdagingen was het wisselen van bemanning vanwege reis- en quarantainebeperkingen in bijna alle landen waar wij actief zijn. EXMAR nam verschillende operationele maatregelen aan wal en aan boord om de veiligheid en het welzijn van het personeel en de continuïteit van onze activiteiten te waarborgen.
Het effect van de COVID-19 pandemie op de jaarrekening is beperkt, met uitzondering van de afwikkeling van het YPF-contract op TANGO FLNG in 2020 en de daaruit voortvloeiende inactiviteit en lagere inkomsten voor Travel Plus in zowel 2020 als 2021. EXMAR blijft de situatie op de voet volgen.
Eind maart 2022 werd het vliegtuig verkocht dat gepresenteerd werd als activa aangehouden voor verkoop.
Op 18 maart 2022 kondigde EXMAR aan dat het een charterovereenkomst heeft bereikt voor een vijfjarige tewerkstelling van haar drijvende opslag- en hervergassingsplatform FSRU S188 met GASUNIE LNG Holdings BV ("GASUNIE"). GASUNIE zal de FSRU S188 inzetten als drijvende LNG-importterminal in Eemshaven in Groningen, Nederland, met het oog op de geopolitieke ontwikkelingen die momenteel gaande zijn in Europa en de toegenomen aandacht van regeringen op het verzekeren van de energievoorziening. Het is de bedoeling om de FSRU S188 in gebruik te nemen en de terminal operationeel te hebben tegen het einde van het derde kwartaal van 2022.
In 2022 kocht EXMAR Netherlands BV in totaal een nominale waarde van NOK 112,0 miljoen terug van de NOK-obligatie (ISIN NO0010852767) met vervaldatum 27 mei 2022. In totaal kocht EXMAR reeds een nominale waarde van NOK 137,0 miljoen terug (zie ook Toelichting 24 Leningen).
Het escalerende conflict in Oekraïne veroorzaakt nu al grote onzekerheid voor 2022, niet alleen vanuit menselijk oogpunt, maar ook op het vlak van de stabiliteit van de wereldwijde energiemarkten. In deze context heeft EXMAR onlangs een charterovereenkomst ondertekend met GASUNIE (zie hoger) en blijft het bedrijf zich engageren om zijn rol in de energiewaardeketen te spelen met zijn vlottende oplossingen voor de export en import van gas.
De mogelijke impact van de oorlog in Oekraïne op de activiteiten van EXMAR wordt dagelijks opgevolgd. Wij kunnen bevestigen dat geen van onze schepen actief is in risicogebieden of onder contract staat bij partijen die onderworpen zijn aan internationale sancties in verband met dit conflict. Voorts wordt alles in het werk gesteld om de logistieke uitdagingen op een humane manier aan te pakken, zowel aan wal als aan boord, en tot dusver werden geen belangrijke operationele problemen vastgesteld.
De belangrijke schattingen en oordelen die een risico kunnen inhouden van materiële aanpassing van de boekwaarden van activa en verplichtingen binnen het volgende boekjaar worden hieronder vermeld:
De liquiditeitspositie is in de loop van 2021 positief geëvolueerd, onder meer door de ontvangst van een vervroegde beëindigingsvergoeding van Gunvor voor de FSRU S188, de contractuele maandelijkse betalingen van YPF, de twee nieuwe VLGC's die in gebruik werden genomen onder een vijfjarige charterovereenkomst en de verkoop van twee oudere schepen (aangehouden door geassocieerde ondernemingen en joint ventures).
De Groep verwacht een verdere versterking van haar liquiditeitspositie in de komende maanden dankzij:
De vennootschap is van mening dat, rekening houdend met de verschillende managementacties, haar beschikbare liquide middelen, haar niet-opgenomen beschikbare faciliteiten en haar geprojecteerde cashflows, er voldoende liquiditeiten zijn om aan haar verplichtingen te voldoen voor een periode van minstens twaalf maanden vanaf de datum van goedkeuring van het jaarverslag.
De geconsolideerde jaarrekening voor het jaar eindigend op 31 december 2021 werd opgemaakt gebaseerd op het principe van going concern. De belangrijkste veronderstellingen en onzekerheden voor EXMAR die aan de basis liggen van de continuïteitsbeoordeling hebben betrekking op de liquiditeitspositie zoals hierboven beschreven en het voldoen aan de convenanten na 2021.
Hoewel EXMAR op 31 december 2021 ruimschoots aan al zijn financiële convenanten voldeed, zal de naleving van deze covenanten op korte termijn worden opgevolgd. Het management onderzoekt momenteel verschillende specifieke mogelijkheden zoals verkoop van activa, schuldherschikking of het bekomen van een vrijstelling om dit tijdig te remediëren, indien nodig.
De onzekerheden vermeld in het jaarverslag 2020 zijn opgelost:
Rekening houdende met de hierboven beschreven elementen is de Raad van Bestuur ervan overtuigd dat de Vennootschap in staat zal zijn om voldoende liquide middelen aan te houden en om aan haar convenanten te voldoen, en bijgevolg kan de toepassing van de going concern assumptie worden verantwoord. In het geval niet tijdig aan de bovenstaande veronderstellingen wordt voldaan, bestaat er een materiële onzekerheid of de Vennootschap over voldoende liquiditeiten zal beschikken om haar verplichtingen na te komen gedurende ten minste 12 maanden vanaf de datum van goedkeuring van deze financiële staten.
Het management voert een waardeverminderingsanalyse uit voor haar vloot. We verwijzen in dit verband eveneens naar Toelichting 10 Schepen en platformen en Toelichting 14 Investeringen in geassocieerde ondernemingen en joint ventures van dit verslag.
Het LNG schip EXCEL, dewelke eigendom was van één van onze joint ventures, was partij bij een leasingovereenkomst in het Verenigd Koninkrijk, waarbij de leasinggever de kapitaaluitgaven voor het aanschaffen van deze schepen kon afschrijven. Kenmerkend voor dit soort leasingovereenkomsten is dat de fiscale risico's en risico's van wetswijziging gedragen worden door de leasingnemer. Onze joint venture beëindigde deze leasingovereenkomst in 2013. De belastingdienst van het Verenigd Koninkrijk ("HMRC") heeft een vraag om inlichtingen gesteld met betrekking tot de aftrek van deze kapitaaluitgaven. Onze positie op basis van commerciële, wettelijke en financiële veronderstellingen is dat deze kapitaaluitgaven terecht werden afgetrokken en wij hebben HMRC hier ook van op de hoogte gebracht. Echter, indien HMRC de fiscale behandeling van de lease door de Britse leasinggever succesvol aanvecht, kunnen wij verplicht worden om de leasinggever schadeloos te stellen voor te betalen belastingen. Voor het bedrag dat op de geblokkeerde rekening van de joint venture-onderneming staat (USD 1,7 miljoen voor het aandeel van EXMAR), was daarom in voorgaande jaren een voorziening aangelegd. In 2021 werd een bijkomende voorziening aangelegd voor het aandeel van EXMAR in het kassaldo van de joint venture, evenals een voorziening voor de daarmee verband houdende fiscale en juridische kosten.
De Raad van Bestuur, vertegenwoordigd door Nicolas Saverys (Voorzitter) en Carl-Antoine Saverys, en het Directiecomité, vertegenwoordigd door Francis Mottrie, CEO (vertegenwoordiger van FMO BV) en Christine Verhaert, CFO (vertegenwoordiger van FINMORE BV), bevestigen hierbij dat, voor zover hen bekend,
In het kader van de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van EXMAR NV (de "vennootschap") en haar filialen (samen "de groep"), leggen wij u ons commissarisverslag voor. Dit bevat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening alsook de overige door wet- en regelgeving gestelde eisen. Dit vormt één geheel en is ondeelbaar.
Wij werden benoemd in onze hoedanigheid van commissaris door de algemene vergadering van 19 mei 2020, overeenkomstig het voorstel van het bestuursorgaan uitgebracht op aanbeveling van het auditcomité. Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening afgesloten op 31 december 2022. Wij hebben de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van EXMAR NV uitgevoerd gedurende 5 opeenvolgende boekjaren.
Wij hebben de wettelijke controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van de groep, die de geconsolideerde balans op 31 december 2021 omvat, alsook het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten en geconsolideerd overzicht van niet-gerealiseerde resultaten, het geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht over het boekjaar afgesloten op die datum en de toelichting, met de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige informatieverschaffing, waarvan het totaal van de geconsolideerde balans 1 001 395 (000) USD bedraagt en waarvan het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde resultaten afsluit met een winst van het boekjaar van 11 635 (000) USD.
Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van het vermogen en van de financiële toestand van de groep op 31 december 2021 alsook van zijn geconsolideerde resultaten en van zijn geconsolideerde kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.
Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens de internationale controlestandaarden (ISA's) zoals van toepassing in België. Wij hebben bovendien de door IAASB goedgekeurde internationale controlestandaarden toegepast die van toepassing zijn op huidige afsluitdatum en nog niet goedgekeurd op nationaal niveau. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn verder beschreven in de sectie "Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening" van ons verslag. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid.
Wij hebben van het bestuursorgaan en van de aangestelden van de vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.
Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.
Wij vestigen de aandacht op toelichting "Belangrijke schattingen en oordelen voor financiële verslaggeving" van de geconsolideerde jaarrekening waarin vermeld staat dat de belangrijkste veronderstellingen en onzekerheden die aan de basis liggen van de continuïteitsveronderstelling betrekking hebben op de liquiditeitspositie en het voldoen aan de covenanten na 2021. Bij de opmaak van de jaarrekening, en zoals beschreven in de toelichting, onderzoekt het bestuursorgaan specificiek mogelijkheden om de naleving van de covenanten tijdig te remediëren indien nodig.
Zoals beschreven in de toelichting "Belangrijke schattingen en oordelen voor financiële verslaggeving" vormen deze elementen een van materieel belang zijnde onzekerheid die significante twijfel kan doen rijzen over de mogelijkheid van de vennootschap om haar continuïteit te handhaven. Ons oordeel is niet aangepast met betrekking tot deze aangelegenheid.
Kernpunten van onze controle betreffen die aangelegenheden die naar ons professioneel oordeel het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode. Deze aangelegenheden zijn behandeld in de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover, en wij verschaffen geen afzonderlijk oordeel over deze aangelegenheden. In aanvulling tot de aangelegenheid beschreven in de sectie "Van materieel belang zijnde onzekerheid met betrekking tot de continuïteit", hebben wij de hierna beschreven aangelegenheid als een in ons verslag te communiceren kernpunt van onze controle vastgesteld.
| Kernpunten van de controle | Hoe onze controle de kernpunten van de controle behandelde |
|---|---|
| Bijzondere waardeverminderingen voor vaste activa - schepen en platformen |
• We hebben het door de directie geïmplementeerde process en de implementatie van de interne controles beschouwd, alsook |
| • Vaste activa – schepen en platformen met een netto boekwaarde van 648 436 (000) USD vertegenwoordigen 65% van het geconsolideerde balanstotaal op 31 december 2021. De beoordeling door de directie van de waardering van vaste activa is belangrijk in het kader van onze audit omdat dit een complex proces betreft |
testprocedures uitgevoerd met betrekking tot het ontwerp en de implementatie van de door management geïmplementeerde controles betreffende de beoordeling van indicatoren van bijzondere waardeverminderingen en het uitvoeren van bijzondere waardeverminderingsanalyses. |
| waarbij significante beoordelingen en inschattingen vanwege de directie noodzakelijk zijn. |
• We zijn voor elke kasstroom genererende eenheid nagegaan of de indicatoren tot bijzondere waardeverminderingen, zoals bepaald in IAS 36, overwogen werden in de beoordeling van de directie. |
| • Zowel het feit dat er nog geen tewerkstelling is voor Tango FLNG alsook de vervroegde beïndiging in de loop van 2021 van de charterovereenkomst voor FSRU S188, betreffen specifieke indicatoren van mogelijke waardevermindering. We bemerken hierbij dat FSRU S188 en Tango FLNG een significant deel vertegenwoordigen (omstreeks 60%) van de netto boekwaarde van |
• Wij verkregen de waarderingsverslagen van externe makelaars dewelke door de directie worden gebruikt om in te schatten of er indicatoren zijn van bijzondere waardevermindering evenals voor het bepalen van de reële waarde minus verkoopkosten van de schepen. |
| de schepen en platformen zoals opgenomen in de geconsolideerde balans van Exmar NV. |
• We hebben een beoordeling gemaakt van de assumpties die door de directie gebruikt werden in de gebruikswaarde |
| Verwijzing naar toelichtingen | berekeningen, voornamelijk de meest kritische assumpties zoals |
| We verwijzen naar de geconsolideerde jaarrekening, inclusief | de vrachttarieven na de contractperiode en de verdisconterings voeten. Tijdens het kritisch beoordelen van deze veronderstellingen |
toelichting: 11 – Schepen en platformen. We vestigen specifiek de aandacht op de verschafte toelichtingen omtrent de waarderingsanalyse van FSRU S188 en Tango FLNG. Deze toelichtingen geven uitleg omtrent de bepaling van de realiseerbare waarde, dewelke de hoogste waarde is van de reële waarde verminderd met verkoopskosten en de gebruikswaarde, ondermeer rekening houdend met informatie uit de lopende onderhandelingen met verschillende partijen omtrent het opnieuw inzetten van FSRU S188 en Tango FLNG.
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor de interne beheersing die het bestuursorgaan noodzakelijk acht voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten.
Bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening is het bestuursorgaan verantwoordelijk voor het inschatten van de mogelijkheid van de groep om haar continuïteit te handhaven, het toelichten, indien van toepassing, van aangelegenheden die met continuïteit verband houden en het gebruiken van de continuïteitsveronderstelling, tenzij het bestuursorgaan het voornemen heeft om de groep te liquideren of om de bedrijfsactiviteiten te beëindigen of geen realistisch alternatief heeft dan dit te doen.
Onze doelstellingen zijn het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid over de vraag of de geconsolideerde jaarrekening als geheel geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten en het uitbrengen van een commissarisverslag waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid, maar is geen garantie dat een controle die overeenkomstig de ISA's is uitgevoerd altijd een afwijking van materieel belang ontdekt wanneer die bestaat. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de economische beslissingen genomen door gebruikers op basis van deze geconsolideerde jaarrekening, beïnvloeden.
Bij de uitvoering van onze controle leven wij het wettelijk, reglementair en normatief kader na dat van toepassing is op de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België. De wettelijke controle biedt geen zekerheid omtrent de toekomstige levensvatbaarheid van de vennootschap, noch van de efficiëntie of de doeltreffendheid waarmee het bestuursorgaan de bedrijfsvoering van de vennootschap ter hand heeft genomen of zal nemen.
Als deel van een controle uitgevoerd overeenkomstig de ISA's, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel-kritische instelling gedurende de controle. We voeren tevens de volgende werkzaamheden uit:
Wij communiceren met het auditcomité onder meer over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante controlebevindingen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing die wij identificeren gedurende onze controle.
Wij verschaffen aan het auditcomité tevens een verklaring dat wij de relevante deontologische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd, en wij communiceren met hen over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en, waar van toepassing, over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen.
Uit de aangelegenheden die aan het auditcomité zijn gecommuniceerd bepalen wij die zaken die het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode, en die derhalve de kernpunten van onze controle uitmaken. Wij beschrijven deze aangelegenheden in ons verslag, tenzij het openbaar maken van deze aangelegenheden is verboden door wet- of regelgeving.
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, de verklaring van niet-financiële informatie gehecht aan dit jaarverslag en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening.
In het kader van ons mandaat en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden (ISA's), is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, de verklaring van niet-financiële informatie gehecht aan dit jaarverslag en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport te verifiëren, alsook verslag over deze aangelegenheden uit te brengen.
Na het uitvoeren van specifieke werkzaamheden op het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij van oordeel dat dit jaarverslag overeenstemt met de geconsolideerde jaarrekening voor hetzelfde boekjaar en is opgesteld overeenkomstig het artikel 3:32 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
In de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij tevens verantwoordelijk voor het overwegen, in het bijzonder op basis van de kennis verkregen tijdens de controle, of het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat, hetzij informatie die onjuist vermeld is of anderszins misleidend is. In het licht van de werkzaamheden die wij hebben uitgevoerd, dienen wij u geen afwijking van materieel belang te melden.
De niet-financiële informatie zoals vereist op grond van artikel 3:32, § 2 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, werd opgenomen in het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening. De vennootschap heeft zich bij het opstellen van deze niet-financiële informatie gebaseerd op het internationaal erkende referentiemodel. Overeenkomstig artikel 3:80 § 1, 5° van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen spreken wij ons niet uit over de vraag of deze niet-financiële informatie is opgesteld in overeenstemming met dit internationaal erkende referentiemodel.
Wij hebben ook, overeenkomstig de ontwerpnorm inzake de controle van de overeenstemming van de financiële overzichten met het Europees uniform elektronisch formaat ("ESEF"), de controle uitgevoerd van de overeenstemming van het ESEF-formaat en de markeertaal met de technische reguleringsnormen vastgelegd door de Europese Gedelegeerde Verordening nr. 2019/815 van 17 december 2018 ("Gedelegeerde Verordening").
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen, in overeenstemming met de ESEF vereisten, van de geconsolideerde financiële overzichten in de vorm van een elektronisch bestand in ESEF-formaat ("digitale geconsolideerde financiële overzichten") opgenomen in het jaarlijks financieel verslag.
Het is onze verantwoordelijkheid voldoende en geschikte onderbouwende informatie te verkrijgen om te concluderen dat het formaat en de markeertaal van de digitale geconsolideerde financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten voldoen aan de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening.
Op basis van de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn wij van oordeel dat het formaat van en de markering van informatie in de digitale geconsolideerde financiële overzichten opgenomen in het jaarlijks financieel verslag van EXMAR NV per 31 december 2021 in alle van materieel belang zijnde opzichten in overeenstemming zijn met de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening.
• Huidig verslag is consistent met onze aanvullende verklaring aan het auditcomité bedoeld in artikel 11 van de verordening (EU) nr. 537/2014.
Getekend te Zaventem.
De commissaris
Deloitte Bedrijfsrevisoren BV Deloitte Bedrijfsrevisoren BV
Vertegenwoordigd door Rik Neckebroeck Vertegenwoordigd door Ben Vandeweyer
De jaarrekening van EXMAR NV wordt hieronder beknopt samengevat. De volledige versie van de jaarrekening van EXMAR NV wordt neergelegd bij de Nationale Bank van België en is beschikbaar op de website (www.exmar.be). Een kopie van de jaarrekening kan kosteloos verkregen worden op aanvraag. In zijn verslag heeft de commissaris geen voorbehoud gemaakt betreffende de statutaire jaarrekening van EXMAR NV.
| (In duizenden USD) | ||
|---|---|---|
| BALANS | 31/12/2021 | 31/12/2020 |
| Vaste activa | 541.853 | 609.154 |
| Immateriële en materiële vaste activa | 125 | 205 |
| Financiële vaste activa | 541.728 | 608.949 |
| Vlottende activa | 133.227 | 98.985 |
| Vorderingen op ten hoogste één jaar | 67.246 | 79.950 |
| Geldbeleggingen | 12.907 | 9.025 |
| Kas en kasequivalenten | 52.634 | 9.335 |
| Overlopende rekeningen | 440 | 675 |
| Total activa | 675.080 | 708.139 |
| Eigen vermogen | 564.214 | 598.239 |
| Kapitaal | 88.812 | 88.812 |
| Uitgiftepremies | 209.902 | 209.902 |
| Reserves | 81.831 | 78.444 |
| Overgedragen resultaat | 183.669 | 221.081 |
| Voorzieningen en uitgestelde belastingen | 9.840 | 337 |
| Voorzieningen | 9.840 | 337 |
| Verplichtingen | 101.026 | 109.563 |
| Korte termijn leningen | 18.528 | 0 |
| Schulden op ten hoogste één jaar | 82.498 | 109.563 |
| Totaal eigen vermogen en verplichtingen | 675.080 | 708.139 |
| (In duizenden USD) WINST- EN VERLIESREKENING |
01/01/2021 31/12/2021 |
01/01/2020 31/12/2020 |
| Bedrijfsopbrengsten | 7.865 | 3.295 |
| Bedrijfskosten | -12.371 | -9.886 |
| Bedrijfsresultaat | -4.506 | -6.591 |
| Financiële opbrengsten | 15.534 | 21.124 |
| Financiële kosten | -39.462 | -98.492 |
| Resultaat voor belastingen | -28.434 | -83.959 |
| Belastingen op het resultaat | -200 | -13 |
| Resultaat van het boekjaar | -28.634 | -83.972 |
| Resultaatsverwerking | ||
| Te bestemmen winst | 192.447 | 237.325 |
| Onttrekking/toevoeging aan reserves | -3.387 | 5.660 |
| Over te dragen resultaat | -183.669 | -232.033 |
| Uitkering van winst | -5.391 | -21.904 |

| AER | Annual Efficiency Ratio |
|---|---|
| ASBL | Association Sans But Lucratif / Verening Zonder Winstoogmerk |
| BTX | Mengsels van benzeen, toluene en de drie xyleensiomeren |
| BWMP | Ballast Water Management Plan |
| CAPEX | Capital Expenditures |
| cbm | Kubieke meters (m3 ) |
| CCS | Carbon capture and storage |
| CCU | Carbon Capture and Utilisation |
| CCUS | Carbon Capture, Utilisation and Storage |
| CII | Carbon Intensity Index |
| CEO | Chief Executive Officer |
| CFO | Chief Financial Officer |
| CO2 | Koolstofdioxide |
| COSO | Committee of Sponsoring Organizations |
| DCS | IMO Fuel Oil Data Collection System |
| DVO | DV Offshore |
| EBIT | Winst voor intresten en belastingen |
| EBITDA | Winst voor intresten, belastingen, afschrijvingen en waardeverminderingen |
| ECA | Emission Control Area |
| EEDI | Energy Efficiency Design Index |
| EEXI | Energy Efficiency Existing Ship Index |
| EOC | Exmar Offshore Company |
| ESG | Environment, Social, Governance |
| ESI | Environmental Ship Index |
| ESM | EXMAR Ship Management |
| ETS | Emission Trading Scheme |
| EU | Europese Unie |
| FID | Final Investment Decision |
| FLNG | Floating Liquefaction of Natural Gas |
| FOC | Fuel Oil Consumption |
| FPS | Floating Production System |
| FPSO | Floating Production Storage and Offloading-unit |
| FSO | Floating Storage and Offloading |
| FSU | Floating Storage Unit |
| FSRP | Floating Storage Regasification and Power generation |
| FSRU | Floating Storage and Regasification Unit |
| GDPR | General Data Protection Regulation |
| HFO | Heavy Fuel Oil |
| HSEQ | Health Safety Environment and Quality |
| HyMethShip | Hydrogen Methanol Ship |
| IAS | International Accounting Standards |
| IFRS | International Financial Reporting Standards |
| IHM | Inventory of Hazardous Materials |
| IMO | International Maritime Organization |
| IPCC | Intergovernmental Panel on Climate Change |
| ISO | International Organization for Standardization |
| JV | Joint Venture |
| KPI | Key Performance Indicator |
| LDO | Light Diesel Oil |
| LNG | Liquefied Natural Gas |
| LNG/C | Liquefied Natural Gas Carrier |
| LNGRV | LNG Regasification Vessel |
| LOHC | Liquid Organic Hydrogen Carrier |
| LPG | Liquefied Petroleum Gas |
| LSFO | Low Sulphur Fuel Oil |
| LTI | Long Term Incentive |
| LTIF | Lost Time Injury Frequency |
|---|---|
| MAN-ES | MAN Energy Solutions SE |
| MARPOL | International Convention for the Prevention of Pollution from Ships |
| MDO | Marine Diesel Oil |
| MGC | Midsize Gas Carrier |
| MGO | Marine Gas Oil |
| Midsize | 20.000 m3 tot 40.000 m3 |
| MRV | Measurement, Reporting and Verification - EU Regulation No. 757/2015 |
| MT | Metrieke ton |
| MTI | MTI Network, risk management and crisis response company |
| MTPA | Metric Tonnes Per Annum |
| MWh | Megawatt hour |
| NH3 | Ammoniak |
| NM | Nautische Mijlen |
| NTVRP | US Nontank Vessel Response Plan |
| O&M | Operations & Maintenance |
| OCIMF | Oil Companies Marine International Forum |
| ODS | Ozone Depleting Substances |
| OPEX | Operating Expenditures |
| PDH | Propane DeHydrogenation |
| Petchems | Petrochemicals |
| PPM | Parts per million |
| PVC | Polyvinyl chloride |
| ROU | Right-of-Use-assets |
| SCR | Selective Catalytic Reduction |
| SEEMP | Ship Energy Efficiency Management Plan |
| SDG | Sustainable Development Goals |
| Semi-ref. | Semi-refrigerated LPG carrier |
| SIGTTO | Society of International Gas Tanker and Terminal Operators |
| SMPEP | Shipboard Marine Pollution Emergency Plan |
| SMS | Safety Management System |
| SOPEP | Shipboard Oil Pollution Emergency Plan |
| SRDII | Second Shareholders' Rights Directive |
| SRR | EU Ship Recycling Regulation No. 1257/2013 |
| STS | Ship-to-ship cargo transfer |
| TC | Time charter |
| TCE | Time charter equivalent |
| TMSA | Tanker Manager and Self-Assessment |
| UN | United Nations |
| UNCLOS | United Nations Convention on the Law of the Sea |
| USCG | United States Coast Guard |
| USD | United States Dollar |
| UV | Ultra Violet |
| VCM | Vinyl Chloride Monomer |
| VLGC | Very Large Gas Carrier |
| VOC | Volatile Organic Compounds |
| VZW | Vereniging zonder winstoogmerk |
| WVV | Belgisch Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen |

Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.