Annual Report • Apr 19, 2011
Annual Report
Open in ViewerOpens in native device viewer
| IFRS | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Geconsolideerde resultaten (in miljoen EUR) | 2010 | 2009 | 2008 | 2007 | 2006 1 | 2005 2 | 2004 |
| Verkopen 3,4 | 7.053,6 | 6.269,7 | 6.501,2 | 5.967,1 | 5.253,7 | 4.757,3 | 4.459,8 |
| Courant bedrijfsresultaat 3, 5 | 456,4 | 384,7 | 375,1 | 361,7 | 291,6 | 255,7 | 274,4 |
| Courant resultaat, groepsaandeel: | |||||||
| - vóór belastingen 3, 5 | 305,4 | 214,2 | 191,7 | 194,3 | 149,3 | 118,6 | 124,0 |
| - na belastingen 5 | 234,2 | 182,8 | 159,0 | 166,3 | 134,3 | 97,6 | 94,0 |
| Aandeel van de groep in het resultaat van de periode 6 | 218,8 | 158,5 | 32,2 | 127,7 | 97,9 | 76,2 | 43,2 |
| Financiële structuur (in miljoen EUR) | |||||||
| Eigen vermogen waarvan: | 1.464,7 | 1.154,6 | 1.030,8 | 1.140,2 | 1.019,2 | 945,5 | 990,8 |
| - Kapitaal en reserves toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten |
1.250,6 | 1.028,5 | 896,1 | 917,7 | 789,1 | 709,9 | 687,1 |
| - Minderheidsbelangen | 214,1 | 126,1 | 134,7 | 222,5 | 230,1 | 235,6 | 303,7 |
| Nettoschuld | 1.823,0 | 1.770,2 | 2.209,7 | 2.089,6 | 1.875,8 | 1.893,1 | 1.748,1 |
| Gegevens per aandeel 7 (in EUR) |
|||||||
| Courant resultaat na belastingen 5, 8, groepsaandeel | 4,26 | 3,33 | 2,89 | 3,02 | 2,43 | 1,77 | 1,70 |
| Aandeel van de groep in het resultaat van de periode 6, 8 | 3,97 | 2,89 | 0,59 | 2,32 | 1,77 | 1,38 | 0,78 |
| Brutodividend per gewoon aandeel | 0,425 | 0,325 | 0,300 | 0,300 | 0,264 | 0,240 | 0,231 |
| Nettodividend per gewoon aandeel | 0,319 | 0,244 | 0,225 | 0,225 | 0,198 | 0,180 | 0,173 |
| Nettodividend per gewoon aandeel + VVPR-strip | 0,361 | 0,276 | 0,255 | 0,255 | 0,224 | 0,204 | 0,196 |
| Kapitaal en reserves toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten |
22,61 | 18,60 | 16,20 | 16,59 | 14,27 | 13,01 | 12,58 |
| Informatie over het aandeel 7 (in EUR) |
|||||||
| Maximumkoers | 47,20 | 29,92 | 24,80 | 34,38 | 27,25 | 23,99 | 18,91 |
| Minimumkoers | 28,84 | 7,56 | 7,22 | 23,67 | 21,85 | 13,85 | 13,51 |
| Koers op 31/12 | 47,20 | 27,91 | 7,51 | 24,60 | 26,97 | 23,25 | 13,65 |
| Gemiddelde koers | 36,57 | 17,43 | 17,53 | 29,75 | 25,09 | 18,53 | 16,15 |
| Gemiddeld dagelijks volume (in aantal effecten) | 75.178 | 72.140 | 80.240 | 77.130 | 62.070 | 49.200 | 47.230 |
| Beurskapitalisatie op 31/12 (in miljoen EUR) | 2.610,3 | 1.543,5 | 415,3 | 1.360,4 | 1.491,5 | 1.285,8 | 754,9 |
| Totaal aantal uitgegeven aandelen | 55.302.620 | 55.302.620 | 55.302.620 | 55.302.620 | 55.302.620 | 55.302.620 | 55.302.600 |
| Gemiddeld personeelsbestand (gemiddeld voltijdse equivalenten) |
31.537 | 29.283 | 28.450 | 26.004 | 20.578 | 18.690 | 17.453 |
matigheden in Portugal.
Na aanpassing als gevolg van de toepassing van IAS 21 herzien.
Uitgezonderd de in 2006 en 2007 verkochte Griekse activiteiten
(toepassing van IFRS 5).
jaarrekening in 2009). 5. Vóór ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen. 6. Resultaat toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstru-
menten van D'Ieteren, overeenkomstig IAS 1. 7. Aangepast na de splitsing van het aandeel D'Ieteren in tien in 2010. 8. Berekend overeenkomstig IAS 33.
01/2004 07/2004 01/2005 07/2005 01/2006 07/2006 01/2007 07/2007 01/2008 07/2008 01/2009 07/2009 01/2010 07/2010 10/2010 0 5 10 15 20 25 30 35 40 45 50 € Koers van het aandeel D'Ieteren sinds 2004 (in EUR)
Avis Europe Ons vak 028
Kerncijfers 030 Boodschap van de CEO 031 Avis Europe in 2010 032
Ons vak 036 Kerncijfers 038 Boodschap van de CEO 039 Belron in 2010 040
Maatschappelijk verantwoord ondernemerschap 044 Milieu 046 Ethiek en waarden 052 Mecenaat en maatschappelijke solidariteit 053
Activiteitsverslag 054 Jaarrekening 060 Corporate Governance verklaring 125 Informatie over het aandeel 138 Inhoud van het geconsolideerde jaarverslag 140
Opgericht in 1805, D'Ieteren is een groep die diensten verleent aan de automobilist. Het staat ten dienste van meer dan 19 miljoen klanten in ongeveer 120 landen via drie activiteiten:
D'IETEREN AUTO verdeelt in België de voertuigen van de merken Volkswagen, Audi, Škoda, Seat, Porsche, Bentley, Lamborghini, Bugatti en Yamaha. Het is de grootste autodistributeur in België, met een marktaandeel van ongeveer 20% en meer dan één miljoen voertuigen van de verdeelde merken in omloop. Omzet in 2010: 2,7 miljard EUR.
BELRON (voor 92,7% eigendom) is de wereldleider op het vlak van herstelling en vervanging van voertuigbeglazing via een vijftiental merken, waaronder Carglass, Autoglass en Safelite Auto Glass. 1.900 servicepunten en 9.500 mobiele service-units staan in 33 landen ten dienste van de klanten. Omzet in 2010: 2,8 miljard EUR.
AVIS EUROPE (voor 59,6% eigendom, genoteerd op de Beurs van Londen) is één van de wereldleiders op het vlak van autoverhuur op korte termijn in Europa, Afrika, het Midden-Oosten en Azië. Via zijn merken Avis en Budget is de onderneming actief vanuit meer dan 3.900 servicepunten. Verhuurinkomsten in 2010: 1,2 miljard EUR.
Het feit dat de Groep in 2010 records boekte, is toe te schrijven aan zijn opmerkelijke teams. Deze teams gaven tijdens de crisis blijk van soepelheid en bleven ook in 2010 alle nodige inspanningen leveren waardoor het bedrijf ten volle kon profi teren van het economische herstel. Bij D'Ieteren Auto hebben de teams ingespeeld op een automarkt die veel sterker was dan verwacht, zonder afbreuk te doen aan de servicekwaliteit. Avis Europe gaf blijk van een grote fl exibiliteit om het hoofd te bieden aan onvoorziene gebeurtenissen, zoals de vulkanische aswolk in april, en om de klanten in alle omstandigheden optimaal tevreden te stellen. Tot slot stelden de teams van Belron alles in het werk om de weergaloze dienstverlening aan de klanten, verzekeraars en vlootbeheerders in stand te houden, en om tegelijkertijd overnames te doen, zowel in zijn ontwikkelde landen als in China en Rusland.
De Groep sluit het jaar 2010 af met een geconsolideerd courant resultaat vóór belastingen, groepsaandeel, dat met 42,6% steeg tot 305,4 miljoen EUR, met inbegrip van de netto impact van het verhoogde belang in Belron. Bij constante consolidatieperimeter bedraagt de stijging 35,5%.
ging D'Ieteren Auto in het begin van het jaar uit van een automarkt die stabiel zou blijven of zeer licht zou stijgen. Dankzij de fi scale aanmoedigingen voor milieuvriendelijkere wagens stegen de inschrijvingen van nieuwe voertuigen in België uiteindelijk met bijna 15% in 2010, tot 547.347 inschrijvingen – een recordniveau. Op deze uitzonderlijke markt steeg het aandeel van D'Ieteren Auto in de inschrijvingen van nieuwe voertuigen tot 20,13%, ten opzichte van 19,34% in 2009. Het zijn voornamelijk de merken Volkswagen en Škoda die het marktaandeel deden stijgen. Volkswagen profi teerde immers van het herstelplan dat in 2009 werd ingevoerd, en Škoda profi teerde onder meer van het succes van de nieuwe Superb. Ook de meeste andere door D'Ieteren Auto verdeelde merken lieten in 2010 uitzonderlijke verkoopvolumes optekenen. De ingevoerde marketingstrategie om klanten aan te trekken heeft dus haar vruchten afgeworpen en de mogelijkheid geboden om tegemoet te komen aan de vraag. In 2010 werden ook met succes verschillende nieuwe modellen gelanceerd.
In 2011 zullen nog andere nieuwe modellen gelanceerd worden. Dit rechtvaardigt de beoogde groei van het aandeel in de inschrijvingen van nieuwe voertuigen, op een markt die waarschijnlijk iets lager zal zijn dan de recordmarkt van 2010.
heeft Belron opnieuw een sterke organische groei gerealiseerd dankzij gunstige weersomstandigheden, vooral in Europa, maar ook dankzij de aanhoudende marketinginvesteringen en de operationele capaciteit om tegemoet te komen aan deze grote vraag. In de Verenigde Staten deed Belron enorme investeringen om zijn logistieke effi ciëntie en zijn dienstverlening aan de klanten te verbeteren. In Atlanta werd een nieuw distributiecentrum geopend, op heden het grootste van Belron, en er werden tal van servicepunten gerenoveerd of geopend. In de VS werd ook een nieuw callcenter in gebruik genomen. Dankzij al deze investeringen konden zowel de inplanting als de dienstverlening aan de klanten nog verder verbeterd worden.
Naast de verbetering van zijn marktaandeel in de landen waar het bedrijf aanwezig is, zette Belron ook zijn geografi sche uitbreiding voort. Belron verwierf meer bepaald zijn franchisehouder in Turkije en deed op het einde van het jaar zijn intrede op de Russische markt door 17 servicepunten over te nemen in vier grote steden, waaronder Moskou en Sint-Petersburg. Belron is nu aanwezig in 33 landen. In China, waar Belron zich in 2009 voor het eerst vestigde, werd de aanwezigheid versterkt door de overname van verschillende servicepunten in vier grote steden.
In 2011 zou de organische groei van Belron zich moeten voortzetten. Het bedrijf zal verdere inspanningen leveren op het vlak van de kwaliteit van de dienstverlening aan de klanten, de verzekeraars en de vlootbeheerders. Belron wil ook zijn operationele effi ciëntie verder verbeteren.
profi teerde Avis Europe van de stabilisatie van het algemene economische klimaat om zijn operationele prestatievermogen te verbeteren en tegelijkertijd fl exibel te reageren op bepaalde externe gebeurtenissen, zoals de vulkanische aswolk in april. Dankzij de acties die Avis Europe ondernam, konden de volumes en de marktaandelen verhoogd worden. Bovendien blijven de investeringen in revenue management hun vruchten afwerpen en hebben ze bijgedragen tot een nieuwe toename van het vlootgebruik en een verbetering van de opbrengsten per verhuurdag. Dankzij deze operationele evoluties en de aanhoudende kostenbeheersing steeg de bedrijfsmarge. Bovendien kende het courante resultaat een forse stijging dankzij de da-
in 2010 records opmerkelijke teams."
ling van de netto fi nancieringskosten als resultaat van de kapitaalsverhoging die in juli 2010 werd doorgevoerd.
Met zijn twee wereldmerken, Avis en Budget, is Avis Europe goed geplaatst om te profi teren van het economische herstel op zijn belangrijkste markten. Avis Europe verwacht dan ook een stijging van zijn volumes en van zijn opbrengsten per verhuurdag. Avis Europe zal zijn kosten en zijn investeringen verder onder controle houden en tegelijkertijd profi teren van groeiopportuniteiten. Het bedrijf is meer
2010 was een doorslaggevend jaar voor D'Ieteren, aangezien dit het jaar was waarin de geplande grote fi nanciële manoeuvres werden voltooid. De verhoging van het belang in Belron door de verwerving van het aandeel van 16,35% van Cobepa in september 2009 vertegenwoordigde een totale investering van bijna 290 miljoen EUR. Deze investering bleek onmiddellijk positief, want in 2010 droeg ze voor 15 miljoen EUR bij aan de groei van ons courant resultaat vóór belastingen. Onze investering van 111 miljoen EUR in de kapitaalsverhoging van Avis Europe bezorgde dit bedrijf de vereiste kracht en fl exibiliteit om zijn potentieel volledig te ontplooien.
De ongeveer 30.000 medewerkers vormen de grootste troef van D'Ieteren. Deze medewerkers zetten zich elke dag opnieuw in om tegemoet te komen aan de noden van de automobilisten en om de klanten een weergaloze dienstverlening aan te bieden. Aan hen hebben wij ons voortbestaan te danken. Wij danken hen dan ook van harte voor hun engagement om onze activiteiten dag na dag te doen bloeien. Wij danken ook onze klanten, onze aandeelhouders en al onze partners voor hun trouw en hun vertrouwen.
Jean-Pierre Bizet Gedelegeerd bestuurder
Roland D'Ieteren Voorzitter
D'IETEREN JAARVERSLAG 2010
In 2010 boekte D'Ieteren recordresultaten dankzij de positieve evolutie van zijn drie activiteiten. Een ideale gelegenheid om samen met Jean-Pierre Bizet, gedelegeerd bestuurder, de balans op te maken en de prioriteiten voor de nabije toekomst te bespreken.
De situatie is voor elk van onze drie activiteiten anders: bij D'Ieteren Auto bestaat de ambitie erin op de Belgische automarkt een nog groter marktaandeel te veroveren nadat we in 2010 meer dan 20% behaalden – een record van het afgelopen decennium –, voornamelijk dankzij de aantrekkelijkheid van onze gamma's. We kunnen rekenen op een opmerkelijk netwerk van concessiehouders, op voortreffelijke teams, op producten van hoge kwaliteit en op de tevredenheid van onze klanten over de dienstverlening.
Bij Belron is het behoud van de groei de doelstelling, zowel door de aanwezigheid te versterken in de landen waar het bedrijf al aanwezig is als door nieuwe geografi sche markten aan te boren. De uitzonderlijke kwaliteit van de dienstverlening aan de klant en de partnerships met verzekeraars en vlootbeheerders staan centraal in deze ambitie, net zoals de uitwisseling van 'best practices' op internationale schaal.
Avis Europe kwam sterker uit de fi nanciële en economische crisis. Dankzij de differentiatie van zijn twee wereldmerken, de beheersing van de kosten, de kwaliteit van de dienstverlening en de toename van het vlootgebruik zal de rentabiliteit verder verbeterd kunnen worden. Avis Europe wil ook de opkomende markten, met name China, en de nieuwe mobiliteitsoplossingen ontwikkelen, in navolging van de recente initiatieven "Avis on Demand" en Business Pack (meer informatie op bladzijde 48).
2. D'Ieteren is naar verluidt een groep die sterk onderhevig is aan conjuncturele veranderingen. Is dat echt zo? Wat zijn de voornaamste externe factoren die de opbrengsten van de drie activiteiten beïnvloeden?
D'Ieteren is minder conjunctureel gevoelig dan wordt aangenomen. De weerstand van onze resultaten tijdens de laatste crisis levert daarvan het bewijs. Onze drie activiteiten reageren echter verschillend op de conjunctuur. Belron, die de grootste bijdrage levert aan onze resultaten, is niet echt gevoelig voor de evolutie van de economie omdat het aantal gevallen van glasbreuk voornamelijk afhangt van het aantal afgelegde kilometers, dat maar heel weinig schommelt naargelang van de conjunctuur. Belron is echter wel gevoelig voor de weersomstandigheden.
De Belgische automarkt is afhankelijk van de evolutie van de economie, hoewel de professionele markt een stabiliserende rol speelt in de vraag. Ook andere factoren beïnvloeden het aantal verkopen van D'Ieteren Auto, zoals de vernieuwing van de gamma's door de autoconstructeurs, de matige maar gestage groei van het wagenpark en de evolutie van de overheidspremies.
Bij Avis Europe hangt de evolutie
van de volumes echter nauw samen met de economie en in het bijzonder met het luchtverkeer, aangezien de helft van onze verhuringen in de luchthavens gebeurt. De toename van het luchtverkeer, die op lange termijn lijkt te kunnen standhouden, is dan ook een goede katalysator voor deze activiteit.
3. D'Ieteren Auto en Belron genereren veel liquiditeiten, terwijl Avis Europe die niet meer nodig lijkt te hebben: waarvoor zal die cashfl ow in de toekomst in de eerste plaats dienen?
Laat ons vooreerst niet vergeten dat we de voorbije zes jaar ongeveer 750 miljoen EUR hebben geïnvesteerd om onze participatie in Belron te verhogen van 56% tot 93% en om deel te nemen aan twee kapitaalverhogingen van Avis Europe, in 2005 en 2010. En dat terwijl we binnen onze drie activiteiten een redelijke schuldenlast in stand hielden. Onze prioriteiten voor de toekomst zijn heel eenvoudig: (1) garanderen dat we over voldoende middelen beschikken om de investeringen te doen die noodzakelijk zijn om de competitiviteit van onze drie activiteiten op peil te houden, (2) de investeringsopportuniteiten onderzoeken die zouden kaderen in de competenties van onze Groep, en (3) onze schuldenlast verminderen.
"D'Ieteren is minder conjunctureel gevoelig dan wordt aangenomen. De weerstand van onze resultaten tijdens de laatste crisis levert daarvan het bewijs."
4. De overheid probeert het gebruik van de auto in de steden te beperken en belast de uitstoot van CO2 . Heeft die tendens gevolgen voor D'Ieteren Auto?
We zien een tendens om kleinere wagens en lichtere motoruitvoeringen aan te kopen. Dit hangt beslist samen met de "groene" bewustwording van de automobilisten en de fi scale aanmoedigingen. Ongeveer 1/3 van de nieuwe wagens die in 2010 in België werden ingeschreven, genoot van deze aanmoedigingen. Dankzij de kwaliteit van de wagengamma's van de groep Volkswagen kunnen we actief inspelen op deze dubbele evolutie, met aantrekkelijke kleine modellen en milieuvriendelijkere motoren.
5. Terwijl talloze autofabrikanten elektrische voertuigen hebben gelanceerd of dat binnenkort van plan zijn, lijkt de groep Volkswagen achter te blijven. Vormt dat geen bedreiging voor het marktaandeel van D'Ieteren Auto in België?
Een korte anekdote: VW was met de
lancering van de volledig elektrische Golf CitySTROMer in 1993 een pionier op dat gebied! Maar momenteel is de markt nog niet klaar voor de elektrische wagen omwille van een gebrek aan de nodige herlaadinfrastructuren en de totale eigendomskost van de elektrische voertuigen, die niet competitief is in vergelijking met hun dieselvarianten. Bovendien lijkt België voorzichtig in het aanmoedigen van elektrische voertuigen. We zullen nog wat geduld moeten oefenen vooraleer het aandeel van de elektrische voertuigen signifi cant wordt op de markt en vooral ook binnen het wagenpark. Dit gezegd zijnde, het elektrische voertuig behoort tot de prioriteiten van de groep Volkswagen, die voor 2013 de E-Up! heeft aangekondigd. We zullen dus klaar zijn als het zover is.
De tussenkomst van een invoerder blijft de werkwijze van VW in de "kleine" Europese landen zoals Nederland, België en Zwitserland. Onze samenwerking met de groep Volkwagen duurt nu al 62 jaar. De groep Volkswagen heeft ons al meermaals het label van "beste invoerder" toegekend en geeft zo blijk van zijn waardering voor de rol die wij spelen in België en voor ons marktaandeel van 20%.
9. Avis Europe vestigt zich in opkomende landen, voornamelijk China. Is dat een absolute prioriteit? Welke voordelen houdt dat in voor de groep?
De opkomende landen zijn steeds drukker bezochte toeristische en zakelijke bestemmingen. Daarom zijn we al een decennium lang actief in China. Bovendien reizen de inwoners van die opkomende landen steeds meer naar westerse landen. De aanwezigheid van Avis in China vormt dan ook een bron van reserveringen voor Europa.
7. Welke positie bekleedt Belron op zijn huidige markten? Bestaan er nog opportuniteiten voor externe en organische groei?
Belron is de wereldwijde nummer één in de herstelling en vervanging van voertuigbeglazing en laat een stijgend aandeel optekenen op de markten waar het bedrijf actief is. Aangezien de markt meestal gefragmenteerd is, zijn er nog aanzienlijke groeimogelijkheden. Er zijn veel landen waar Belron nog niet aanwezig is, en in enkele belangrijke gebieden – zoals China en Rusland – is Belron nog maar beperkt aanwezig.
8. Het succes van Belron steunt op samenwerking met de verzekeringsmaatschappijen. Welke voordelen heeft een samenwerking met Belron voor hen?
Door samen te werken met Belron kunnen de verzekeraars hun kosten drukken, met name dankzij de herstelling van voorruiten zodat een toekomstige vervanging kan worden vermeden. Dankzij deze samenwerking kunnen ze hun verzekerden ook een weergaloos serviceniveau aanbieden.
D'IETEREN JAARVERSLAG 2010
Jean-Joseph D'Ieteren vestigt zich voor eigen rekening als wagenmaker. Dat is de start van de geschiedenis van het Belgische bedrijf
1935 Een nieuwe activiteit voor D'Ieteren: de assemblage van voertuigen
1897 D'Ieteren bouwt autokoetswerken
1956
Lancering van "Dit'Rent-a-Car", de eerste stap van D'Ieteren in de autoverhuur op korte termijn
Verwerving van Avis Europe, één van de leiders op de markt van autoverhuur op korte termijn
Verwerving van Belron, de specialist in herstelling en vervanging van voertuigbeglazing
D'IETEREN JAARVERSLAG 2010
In 2010 was de Groep D'Ieteren aanwezig in ongeveer 120 landen op zes continenten, ten dienste van 19 miljoen klanten. D'Ieteren stelde ongeveer 30.000 medewerkers tewerk en realiseerde een jaarlijkse omzet van meer dan 7 miljard euro. De "kleine" Belgische onderneming is groot geworden, maar de success story van D'Ieteren ging al in het begin van de 19de eeuw van start…
De naam D'Ieteren is nauw verbonden met de auto-industrie. In werkelijkheid ging de geschiedenis van D'Ieteren echter van start vóór de geschiedenis van de auto. Jean-Joseph D'Ieteren vestigde zich immers al in 1805 op twintigjarige leeftijd in het hartje van Brussel om zich toe te spitsen op de wagenmakerij (productie van karren, wagens, enz.), de betimmering van wagens en de productie van wielen in onderaanneming voor diverse Brusselse koetswerkontwerpers. Van de ene generatie op de andere breidde de familie D'Ieteren haar activiteiten uit. Na de toevoeging van verf- en bekledingactiviteiten begon Alexandre D'Ieteren in 1857 met de rijtuigbouw. Het bedrijf verwierf een benijdenswaardige reputatie en werd in 1888 Hofl everancier van België.
De geschiedenis is aan de gang. In 1897 ruimde het paard plaats voor de motor en zetten de gebroeders Alfred en Emile D'Ieteren hun eerste stappen in een nieuw vakgebied: automobielkoetswerkbouw. In 1906 vestigden ze zich in ruimere werkplaatsen in de Maliestraat in Brussel, waar vandaag nog altijd de zetel van het bedrijf gevestigd is. De productie ontwikkelde zich in 1911 maar werd door Wereldoorlog I stopgezet.
In 1919 richtten Emile en Lucien D'Ieteren de "Société Anonyme Anciens Etablis sements D'Ieteren Frères" op, een nieuwe handelsnaam voor het bedrijf dat datzelfde jaar ook geïntroduceerd werd op de Beurs van Brussel. Het begon in de jaren '20 ook koetswerken te exporteren. Deze strategie wierp haar vruchten af, want in 1928 waren meer dan 65% van de koetswerken bestemd voor het buitenland.
In het begin van de jaren '30 werd de activiteit van koetswerkbouwer geleidelijk aan afgebouwd en spitste D'Ieteren zich toe op de invoer van Amerikaanse auto's van de merken Studebaker, Pierce-Arrow en Auburn, en vanaf 1935 ook op de assemblage van auto's. 1948 was een cruciaal jaar. Dat jaar sloot Pierre D'Ieteren immers het importcontract met Volkswagen af. Dit luidde het begin in van een lange en vruchtbare samenwerking die vandaag nog altijd standhoudt!
Dit nieuwe partnerschap bood D'Ieteren meer bepaald de mogelijkheid om in 1954 de beroemde Kever te assembleren in de nieuwe fabriek in Vorst (Brussel), die zes jaar eerder werd opgericht. Van eind 1970 tot 1976 verkocht D'Ieteren geleidelijk aan zijn aandelen in de fabriek van Vorst aan de groep Volkswagen, om zich te richten op de invoer. Tussen 1954 en 1970 assembleerde D'Ieteren in Vorst zo'n 800.000 VW's!
In 1974 begon D'Ieteren ook de merken Audi en NSU in te voeren. Een jaar later veranderde de vennootschap haar oude benaming in "s.a. D'Ieteren n.v.". In de loop der jaren had het Belgische bedrijf de kans om in België alle merken van de Duitse groep in te voeren, van de Latijnse Seat in 1984 tot de sportieve Lamborghini in 2001.
D'Ieteren is één van de oudste Belgische familiebedrijven. De familie D'Ieteren richtte het bedrijf op en leidt het al meer dan twee eeuwen! Ook vandaag is het familiale karakter van het bedrijf nog altijd zeer uitgesproken. De familie D'Ieteren vertegenwoordigt immers de meerderheid van het aandeelhouderschap. Zonder de familiale controle in vraag te stellen, vond in 2005 toch een belangrijke gebeurtenis plaats: Roland D'Ieteren (zesde generatie), die in 1975 de teugels van het bedrijf overnam en de drijvende kracht achter de internationale expansie is, gaf de fakkel door aan Jean-Pierre Bizet. Deze laatste, die kan bogen op een heuse internationale managementervaring, werd de eerste nietfamiliale CEO in de geschiedenis van D'Ieteren. De familie D'Ieteren blijft echter een actieve aandeelhoudersrol spelen en maakt deel uit van de Raad van Bestuur van de vennootschap.
Bovendien is D'Ieteren al sinds 1950 de exclusieve invoerder van Porsche en voert de afdeling D'Ieteren Sport al sinds 1975 de motoren en motorrijwielen van Yamaha in. Het activiteitendomein van D'Ieteren Sport werd trouwens uitgebreid tot de mechanische vrijetijdsbestedingen in het algemeen.
Vandaag viert D'Ieteren meer dan ooit zijn passie voor de auto: in 2010 staat D'Ieteren voor meer dan één nieuw voertuig op vijf dat in België wordt ingeschreven!
"De verwerving van een meerderheidsaandeel in Avis Europe was slechts de laatste stap in een langere geschiedenis, maar ze vormde D'Ieteren wel om tot een echte internationale groep."
Het jaar 1989 was een doorslaggevend keerpunt voor D'Ieteren: na drie decennia van partnerschap werd het Belgische bedrijf de meerderheidsaandeelhouder van Avis Europe, een bedrijf gespecialiseerd in autoverhuur op korte termijn dat al sinds 1986 noteert op de Beurs van Londen. De toenadering tussen de twee bedrijven was geen toeval: in 1956, tien jaar na de oprichting van Avis Rent-A-Car in de Verenigde Staten door Warren Avis, ging D'Ieteren van start met autoverhuur op korte termijn. In 1958 vond een eerste toenadering met Avis plaats naar aanleiding van de Wereldtentoonstelling: Dit'Rent-a-Car, de verhuurafdeling van D'Ieteren, werd Avis-licentiehouder. In 1971 werd de n.v. Locadif opgericht in partnerschap tussen D'Ieteren en het Amerikaanse Avis Inc. Locadif bekleedde al snel de eerste plaats op de Belgische markt van de korte- en langetermijnverhuur van auto's en vrachtwagens.
De verwerving van een meerderheidsaandeel in Avis Europe, dat nu voor 59,6% in handen is van D'Ieteren, was slechts de laatste stap in een langere geschiedenis, maar ze vormde D'Ieteren wel om tot een echte internationale groep. Via zijn twee merken, Avis en Budget, is het verhuurbedrijf vandaag immers actief vanuit meer dan 3.900 verhuurpunten in meer dan 100 landen. Avis Europe met zijn internationaal bekende reclameslogan "We Try Harder." is de Europese nr. 2 van de voertuigverhuur op korte termijn.
In 1999 zette D'Ieteren zijn diversifi catiestrategie voort en boorde het bedrijf een nieuwe markt aan door – in partnerschap met Cobepa – Belron over te nemen, de specialist in de herstelling en vervanging van voertuigbeglazing. De oorsprong van het Zuid-Afrikaanse familiebedrijf gaat terug tot 1897. In die tijd was Belron nog gespecialiseerd in de productie van spiegels en decoratief glas. Vanaf de jaren '60 veranderde het bedrijf in een internationale groep die zich constant verder uitbreidde. Belron exploiteert vandaag een vijftiental verschillende merken, waarvan Carglass, Autoglass en Safelite Auto Glass de bekendste zijn. Belron heeft als enige een wereldwijde roeping: het bedrijf is aanwezig in 33 landen via 1.900 servicepunten en ongeveer 9.500 mobiele service-units.
De Groep D'Ieteren had oorspronkelijk 56% van Belron verworven, maar de deelneming in de vennootschap werd geleidelijk verhoogd en bedraagt vandaag 92,7%, na de overname van de aandelen van Cobepa en van bepaalde familiale aandeelhouders van Belron. D'Ieteren heeft al aangekondigd deze deelneming te willen verhogen tot minimum 95% in 2014.
"Net zoals D'Ieteren is Belron een familiebedrijf dat al meer dan 100 jaar bestaat. Zijn stichting gaat immers terug tot 1897."
De Groep D'Ieteren hemelt binnen zijn drie activiteiten en over de hele wereld een zeker aantal waarden op. Deze waarden zijn het "kompas" dat het bedrijf de mogelijkheid biedt om in te spelen op de verwachtingen van zijn klanten, zijn personeel, zijn partners en zijn aandeelhouders. Het gaat bijvoorbeeld om ondernemingsgeest, professionalisme en integriteit, maar ook om respect voor de klant, bereidwilligheid om te luisteren naar de klant en zijn vertrouwen waard te zijn door hem een dienstverlening van de beste kwaliteit aan te bieden. D'Ieteren stelt ook alles in het werk opdat zijn personeel zou evolueren in een goede werkomgeving. Het bedrijf reikt zijn personeelsleden de nodige middelen aan om hun vaardigheden te verbeteren en interne vooruitgang te boeken, zonder afbreuk te doen aan het recht om fouten te maken. Tot slot hecht D'Ieteren veel belang aan zijn impact op het milieu en op de maatschappij en waarin het bedrijf actief is. In het kader hiervan neemt het bedrijf dan ook steeds meer initiatieven op deze twee vlakken (zie pagina 44).
Al deze waarden worden gedeeld door de drie activiteiten van de Groep D'Ieteren, maar de groep hecht er tegelijkertijd evenveel belang aan om de verschillende bedrijfsculturen in stand te houden en de eigen identiteit van elke activiteit te respecteren. Zo hebben D'Ieteren Auto, Avis Europe en Belron elk hun eigen karakter, hun eigen visie en hun eigen werkwijze. De Groep D'Ieteren respecteert de autonomie van elke entiteit om het gezamenlijke streefdoel te bereiken: uitmuntendheid.
aandeel in de inschrijvingen van nieuwe wagens in België van meer dan 20%
een vloot van meer dan 100.000 voertuigen
dagelijks ongeveer 10.000 voorruiten hersteld in de wereld
| Externe verkopen (in miljoen EUR) | 2010 | 2009 | Jaarlijkse groei |
|---|---|---|---|
| ■ D'Ieteren Auto | 2.732,9 | 2.453,8 | 11,4% |
| ■ Avis Europe | 1.519,8 | 1.392,7 | 9,1% |
| ■ Belron | 2.800,9 | 2.423,2 | 15,6% |
| Totaal | 7.053,6 | 6.269,7 | 12,5% |
| Courant bedrijfsresultaat1 (in miljoen EUR) | 2010 | 2009 | Jaarlijkse groei |
|---|---|---|---|
| ■ D'Ieteren Auto | 92,6 | 65,8 | 40,7% |
| ■ Avis Europe | 108,2 | 103,4 | 4,6% |
| ■ Belron | 255,6 | 215,5 | 18,6% |
| Totaal | 456,4 | 384,7 | 18,6% |
| Courant resultaat vóór belastingen1,2, groepsaandeel | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| ■ D'Ieteren Auto | 29% | 27% |
| ■ Avis Europe | 9% | 9% |
| ■ Belron | 62% | 64% |
| Totaal | 100% | 100% |
Vóór ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen.
Na toewijziging van pro forma fi nanciële kosten (34,5 miljoen EUR) aan het segment autodistributie en Corporate voortvloeiend uit de netto investering in de segmenten autoverhuur en voertuigbeglazing.
Nettoschuld per activiteit en per type (in miljoen EUR)
Asset-backed fi nanciering (effectisering & fi nanciële leases)
Januari 2010: HET SALON VAN DE HEROPLEVING
Zoals elk jaar neemt D'Ieteren Auto deel aan het Autosalon. Dit van 2010 heeft echter een speciaal kantje aangezien het de aanzet geeft tot het herstel van de automobielsector na een zwak jaar 2009.
Een vulkanische aswolk veroorzaakt de afschaffi ng van vluchten in talloze europese landen. Avis Europe reageert daar dynamisch op door de reizigers oplossingen aan te bieden om vlot hun bestemming te bereiken.
April 2010: EEN WISPELTURIGE VULKAAN
Mei 2010: EEN STEVIGERE FAMILIALE
Om de verankering van de oprichtersfamilie in Belron te vrijwaren, heeft D'Ieteren ingestemd met de verkoop van 1% van de aandelen van de vennootschap aan de familieholding van de CEO van Belron, lid van de oprichtersfamilie. Het aandeel van D'Ieteren in Belron daalt daardoor tot 92,7%. De bestaande aandeelhoudersovereenkomsten worden bovendien verlengd tot 2024.
Avis Europe lanceert een kapitaalverhoging ten belope van 151 miljoen GBP, na aftrek van kosten, waarop D'Ieteren (aandeelhouder voor 59,6%) inschrijft ter waarde van zijn aandeel, hetzij 111 miljoen EUR. Tegelijkertijd sluit Avis Europe een nieuw revolving bankkrediet van 375 miljoen EUR met een looptijd van 3 jaar, verlengbaar met 1 jaar.
September 2010: WAT MEER VRIJ VERHANDEL-BARE AANDELEN
Cobepa kondigt aan dat het bij verschillende institutionele beleggers 212.500 aandelen D'Ieteren heeft geplaatst, of 3,8% van het kapitaal van de onderneming (3,5% van het stemrecht) tegen een prijs van 385 EUR per aandeel. Na afl oop van deze transactie stijgt het aantal vrij verhandelbare D'Ieteren aandelen en behoudt Cobepa 3,8% van het kapitaal van vennootschap.
September 2010: EEN NIEUWE "GROTE" AUDI
De in België geproduceerde Audi A1 wekt veel enthousiasme op. Slechts enkele weken na de lancering behoort het model al tot de top 3 van meest verkochte modellen van het merk met de vier ringen en bereikt het een marktaandeel van 1% in België.
Belron kondigt de aankoop van zeventien servicepunten voor de herstelling en vervanging van voertuigbeglazing in vier grote Russische steden aan, waaronder Moskou en Sint-Petersburg.
November 2010: BELRON VESTIGT ZICH IN RUSLAND
De buitengewone algemene vergadering van 20 december 2010 geeft het groene licht voor de splitsing van de D'Ieteren aandelen in tien om de liquiditeit te verbeteren. De nieuwe aandelen, die alleen nog op naam en in de vorm van gedematerialiseerde aandelen bestaan, worden verhandelbaar vanaf 27 december 2010.
D'IETEREN JAARVERSLAG 2010
D'Ieteren Auto, dat kan bogen op een relatie van meer dan 60 jaar met de groep Volkswagen, verzekert in België de invoer, de logistiek en de distributie van voertuigen van de merken Volkswagen, Audi, Seat, Škoda, Bentley, Lamborghini, Bugatti en Porsche, alsook van wisselstukken en accessoires. D'Ieteren Auto is de grootste autoverdeler in België, met een aandeel in de inschrijvingen van nieuwe wagens van ongeveer 20% en meer dan één miljoen voertuigen van de verdeelde merken in omloop. D'Ieteren Auto werkt met meer dan 300 zelfstandige concessiehouders en beheert zelf 16 verkooppunten van de merken Volkswagen, Audi, Seat, Škoda en Porsche in Brussel en omgeving. Het bedrijf is actief in de verkoop van tweedehandsvoertuigen via twee My Way centra in de Brusselse rand en 90 concessiehouders die aangesloten zijn bij het My Way Authorized Distributors netwerk. Zijn dochteronderneming D'Ieteren Lease biedt bovendien verhuurdiensten op lange termijn aan. Tot slot verdeelt D'Ieteren Auto via D'Ieteren Sport de Yamaha-producten in België en het Groothertogdom Luxemburg.
18
| IFRS | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2010 | 2009 | 2008 | 2007 | 2006 | 2005 | 2004 | |
| Geleverde nieuwe voertuigen (in eenheden) | 117.951 | 99.241 | 119.967 | 120.774 | 112.944 | 103.239 | 99.587 |
| Externe verkopen | 2.732,9 | 2.453,8 | 2.679,4 | 2.642,4 | 2.491,4 | 2.227,2 | 2.088,6 |
| Courant bedrijfsresultaat 1, 2 | 92,6 | 65,8 | 88,5 | 98,7 | 81,9 | 56,1 | 64,1 |
| Courante bedrijfsmarge | 3,4% | 2,7% | 3,3% | 3,7% | 3,3% | 2,5% | 3,1% |
| Courant resultaat, groepsaandeel vóór belastingen 1, 2 na belastingen 1, 2 |
64,9 62,0 |
42,9 41,9 |
60,6 59,3 |
74,7 65,2 |
59,5 57,0 |
36,1 35,2 |
48,7 39,3 |
| Gemiddeld personeelsbestand (gemiddeld voltijdse equivalenten) |
1.584 | 1.565 | 1.650 | 1.601 | 1.571 | 1.505 | 1.493 |
Vóór ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen.
De activiteit autodistributie omvat het geheel van de kosten verbonden aan de activiteit corporate, en meer bepaald (wat het courante resultaat betreft) de fi nancieringskosten voortvloeiend uit de investering in de activiteiten autoverhuur en voertuigbeglazing.
INSCHRIJVINGEN VAN NIEUWE WAGENS IN BELGIË EN MARKTAANDEEL VAN D'IETEREN AUTO
| EVOLUTIE VAN DE VERKOPEN PER ACTIVITEIT (IN MILJOEN EUR) |
2010 | 2009 | WIJZIGING |
|---|---|---|---|
| ● Nieuwe voertuigen | 2.204,4 | 1.929,7 | 14,2% |
| ● Tweedehandsvoertuigen | 103,9 | 117,0 | -11,2% |
| ● Wisselstukken en accessoires | 167,6 | 149,4 | 12,2% |
| ● D'Ieteren Car Centers (naverkoop) | 54,7 | 51,6 | 6,0% |
| ● D'Ieteren Sport | 35,8 | 40,2 | -10,9% |
| ● D'Ieteren Lease | 141,4 | 143,2 | -1,3% |
| ● Andere | 25,1 | 22,7 | 10,6% |
| D'IETEREN AUTO | 2.732,9 | 2.453,8 | 11,4% |
"Het jaar 2010 werd gekenmerkt door een gebrek aan zichtbaarheid tijdens de eerste maanden, maar werd uiteindelijk afgesloten met een record in termen van inschrijvingen van nieuwe voertuigen. De markt werd ondersteund door de premies die de overheden toekenden aan de kopers van milieuvriendelijkere wagens, en de teams van D'Ieteren Auto reageerden daar heel dynamisch op. We konden dus ten volle profi teren van het herstelplan ingevoerd door Volkswagen. Onze andere merken kaderden perfect in de context van de overheidspremies en zetten hun vooruitgang voort niettegenstaande enig productietekort. Dankzij deze evoluties konden we onze groeidoelstelling realiseren en ons marktaandeel verhogen tot meer dan 20% in 2010."
Thierry van Kan, CEO van D'Ieteren Auto
Het jaar 2010 was buitengewoon gunstig voor de Belgische automarkt in het algemeen en voor D'Ieteren Auto in het bijzonder.
In 2010 werden de inschrijvingen van nieuwe wagens sterk ondersteund door de toegekende federale premies bij de aankoop van een milieuvriendelijke wagen. Deze fi nanciële stimulans, die sinds juli 2007 van kracht is, bedroeg in 2010 3% van de aankoopprijs voor wagens met een emissie tussen 105 en 115g CO2 /km, en zelfs 15% voor voertuigen die minder dan 105g CO2 /km uitstoten. Bovendien konden deze federale premies gecumuleerd worden met de gewestelijke premies. Aangezien deze premies in 2011 waarschijnlijk grondig hervormd of zelfs afgeschaft zouden kunnen worden, hebben veel particulieren beslist om een nieuwe wagen vervroegd aan te kopen. Dat verklaart grotendeels de kracht van de Belgische markt in 2010. Ook de professionele markt kende vanaf het tweede semester een heropleving, in het kielzog van het economische herstel.
Deze twee elementen zorgden er samen met de dynamiek van de autodistributeurs voor dat de Belgische markt in 2010 een nieuw record bereikte van 547.347 inschrijvingen van nieuwe wagens, een stijging met 14,9% in vergelijking met 2009 en 2,1% in vergelijking met het laatste record van 2008 (535.947 inschrijvingen), het vorige "salonjaar". Op deze markt stootte 31,3% van de ingeschreven voertuigen 115g of minder CO2 /km uit, ten opzichte van 17,1% in 2009 en 8,2% in 2008.
In vergelijking met de andere Europese landen deed België het eerder goed. Binnen de Europese Unie werden in 2010 13,4 miljoen voertuigen ingeschreven, hetzij een daling met 5,5%. Maar achter dit cijfer gaan zeer grote verschillen tussen de landen schuil. Sommige landen kenden een spectaculaire groei, zoals Ierland (+54,7%) en Portugal (+38,8%), terwijl andere landen aanzienlijk daalden, zoals Griekenland (-35,8%), Bulgarije (-28,9%) en Duitsland (-23,4%).
Binnen de Europese Unie waren de merken van de groep Volkswagen in totaal goed voor 2,8 miljoen inschrijvingen, hetzij een marktaandeel van 21,2%. Daarmee staat deze automobielgroep op de 1ste plaats onder de autoconstructeurs. De Franse constructeurs PSA (Peugeot en Citroën, marktaandeel van 13,5%) en Renault (Renault en Dacia, marktaandeel van 10,4%) bekleden de tweede en de derde podiumplaats.
| Inschrijvingen van nieuwe voertuigen in Europa | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| 2010 | 2009 | Wijziging | ||||
| België | 547.347 | 476.194 | +14,9% | |||
| Bulgarije | 16.257 | 22.869 | -28,9% | |||
| Denemarken | 151.550 | 112.454 | +34,8% | |||
| Duitsland | 2.916.260 | 3.807.175 | -23,4% | |||
| Estland | 8.848 | 8.234 | +7,5% | |||
| Finland | 111.968 | 90.575 | +23,6% | |||
| Frankrijk | 2.251.669 | 2.302.398 | -2,2% | |||
| Griekenland | 141.499 | 220.548 | -35,8% | |||
| Groot-Brittannië | 2.030.846 | 1.994.999 | +1,8% | |||
| Hongarije | 45.081 | 60.189 | -25,1% | |||
| Ierland* | 88.373 | 57.118 | +54,7% | |||
| Italië | 1.960.282 | 2.159.464 | -9,2% | |||
| Letland | 4.976 | 3.745 | +32,9% | |||
| Litouwen | 7.970 | 7.003 | +13,8% | |||
| Luxemburg | 49.726 | 47.265 | +5,2% | |||
| Nederland | 483.619 | 387.155 | +24,9% | |||
| Oostenrijk | 328.563 | 319.403 | +2,9% | |||
| Polen** | 333.539 | 320.261 | +4,1% | |||
| Portugal | 223.491 | 161.013 | +38,8% | |||
| Roemenië | 94.541 | 116.016 | -18,5% | |||
| Slovenië | 59.226 | 55.712 | +6,3% | |||
| Slowakije | 64.033 | 74.717 | -14,3% | |||
| Spanje | 982.015 | 952.772 | +3,1% | |||
| Tsjechische Republiek | 169.236 | 161.659 | +4,7% | |||
| Zweden | 289.684 | 213.408 | +35,7% | |||
| Europese Unie (EU27)*** | 13.360.599 | 14.132.346 | -5,5% | |||
| * Raming ACEA. Bron: ACEA |
** De in Polen gepubliceerde cijfers stemmen overeen met de verkopen. *** Geen gegevens beschikbaar voor Malta en Cyprus.
| Merken | Gemiddelde CO2-emissies per km (2010) |
Evolutie 2002-2010 |
|---|---|---|
| Volkswagen | 125g | -19% |
| Audi | 136g | -14% |
| Seat | 117g | -19% |
| Škoda | 128g | -12% |
| Totale markt | 134g | -13% |
Bron: Jato/Febiac
In 2010 werd met succes een reeks nieuwe modellen gelanceerd. Bij Volkswagen werd het hele "midrange" gamma hernieuwd. Zo kregen de Caddy, Passat, Touran, Sharan en Touareg een facelift. Bij Audi liet de lancering van de A7 Sportback niemand onverschillig. Net zoals de lancering van de A1, het model dat geproduceerd wordt in Brussel in de fabriek die werd gebouwd door D'Ieteren en die tot in de jaren '70 eigendom was van het bedrijf (zie pagina 8). Deze lancering werd met succes bekroond, aangezien de luxueuze stadswagen in België al heel snel een marktaandeel van 1% behaalde. Bij Seat werd de gezinswagen Alhambra in een nieuw kleedje gestopt, en bij Škoda groeide een andere gezinswagen, de Superb Combi, uit tot een referentie in zijn segment. En tot slot werd bij Porsche op amper enkele maanden tijd een koper gevonden voor de 500 exemplaren (waarvan een tiental voor België) van de 911 GT2 RS die de fabriek produceerde.
D'Ieteren Auto wil ook een verantwoordelijk beleid voeren dat tot doel heeft de CO2 -emissies te beperken. De groep Volkswagen stelt alles in het werk om steeds milieuvriendelijkere wagens op de markt te brengen, en D'Ieteren Auto doet er alles aan om deze wagens optimaal te promoten in België. Resultaat van deze dubbele strategie: de voertuigen die maximum 115g CO2 /km uitstoten, vertegenwoordigden in 2010 38,6% van de gezamenlijke verkoop van VW, Audi, Seat en Škoda, ten opzichte van 31,3 % voor de volledige markt. Dat is logisch, wetende dat deze vier merken eind 2010 telkens lagere gemiddelde emissies behaalden dan hun rechtstreekse concurrenten in hun segment.
Dankzij gamma's van topkwaliteit, een gespecialiseerd netwerk en vastberaden teams kon D'Ieteren Auto in 2010 110.199 inschrijvingen van nieuwe voertuigen optekenen. Dat betekent een marktaandeel van 20,13%, een stijging met 0,79% op één jaar. Dit is een record over het voorbije decennium, dat echter niet het histo rische record van 1997 overschrijdt (marktaandeel van 20,48%). Het aantal door D'Ieteren Auto geleverde nieuwe voertuigen bedroeg 108.756 eenheden, een stijging met 19,2% op één jaar.
Als we de situatie per merk bestuderen, stellen we de uitstekende prestaties van Volkswagen en Škoda vast. Volkswagen staat op de tweede plaats in het offi ciële klassement van de merken in België. Maar als we rekening houden met de talrijke uitschrijvingen (voertuigen die minder dan een maand na hun inschrijving geschrapt worden), staat Volkswagen – met een grote voorsprong – op de eerste plaats, met een marktaandeel van meer dan 10%. De lichte bedrijfsvoertuigen van Volkswagen winnen ook terrein en bereiken een marktaandeel van 9,33%. Škoda wordt dan weer steeds meer erkend voor zijn uitstekende prijs-kwaliteitverhouding, waardoor het merk een historisch record bereikte in termen van volumes en marktaandeel.
Audi verloor wat terrein, maar dat valt te verklaren door het feit dat de productiecapaciteiten van de fabriek niet volstonden om ten volle in te spelen op de onverwachte sterke groei van de markt. Het merk behoudt echter zijn eerste plaats in het "Premium" segment en laat een recordvolume aan inschrijvingen optekenen. De voorsprong die Seat in 2009 had in termen van CO2 -emissies, ging verloren. Tot slot won Porsche marktaandeel, voornamelijk dankzij de spectaculaire stijging van de inschrijvingen van de Panamera en de Cayenne.
| Aandeel in de inschrijvingen van nieuwe wagens | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2010 | 2009 | ||||
| Inschrijvingen van nieuwe wagens (in eenheden) |
547.347 | 476.194 | |||
| Evolutie 1 jaar | 14,9% | -11,1% | |||
| Totaal D'Ieteren Auto | 20,13% | 19,34% | |||
| Volkswagen | 9,78% | 8,92% | |||
| Audi | 5,38% | 5,64% | |||
| Seat | 1,85% | 1,99% | |||
| Škoda | 2,87% | 2,57% | |||
| Bentley/Lamborghini | 0,01% | 0,01% | |||
| Porsche | 0,24% | 0,21% | |||
| Lichte bedrijfsvoertuigen | 9,33% | 9,12% |
Dankzij de stijging van zijn globale marktaandeel en de gunstige evolutie van de Belgische markt realiseerde D'Ieteren Auto in 2010 een omzet van 2,7 miljard EUR, hetzij 11,4% beter dan het jaar voordien. De leveringen van nieuwe voertuigen, met inbegrip van lichte bedrijfsvoertuigen, stegen met 18,9% tot 117.951 eenheden en genereerden verkopen ten bedrage van 2,2 miljard EUR, een stijging met 14,2%. Er werd een vergelijkbare evolutie vastgesteld voor de verkopen van wisselstukken en accessoires, die 168 miljoen EUR inkomsten genereer-
Vooruitzichten
den (+12,2%). Wat de andere activiteiten betreft, stellen we een daling van de verkoop van tweedehandswagens vast (-11,2%, tot 104 miljoen EUR). Dat is het gevolg van de daling van het aantal wagens dat uit vloot werd genomen bij D'Ieteren Lease. De naverkoopactiviteiten van de D'Ieteren Car Centers genereerde 55 miljoen EUR aan verkopen (+6,0%), terwijl de inkomsten van D'Ieteren Lease stabiel bleven op 141 miljoen EUR en die van D'Ieteren Sport (import van moto's, scooters en quads van Yamaha) daalden met 10,9% tot 36 miljoen EUR. Deze daling is het gevolg van de achteruitgang van de markt, die een belangrijke downsizing-trend kent (van de moto naar de scooter), en van de wisselkoers die ongunstig was voor alle Japanse merken.
De rentabiliteit kende een gunstige evolutie, aangezien het courante bedrijfsresultaat met 40,7% steeg tot 92,6 miljoen EUR. Het courante resultaat vóór belastingen, groepsaandeel, steeg met 51,3% tot 64,9 miljoen EUR.
Het is altijd moeilijk om nauwkeurige voorspellingen op het vlak van het aantal inschrijvingen te maken, zoals in 2010 andermaal werd bewezen. In het huidige stadium raamt D'Ieteren Auto het aantal inschrijvingen van nieuwe wagens op ongeveer 530.000 eenheden. Een markt op het niveau van 2010 lijkt een maximum te zijn, gezien de zeer waarschijnlijke herziening van de premies. Maar D'Ieteren Auto verwacht op middellange termijn toch een versnelling van het vernieuwingsritme van de voertuigen, en dus een stimulans voor de markt, dankzij ingrijpende technologische veranderingen zoals de opkomst van de elektrische voertuigen in de komende jaren. De tendens om milieuvriendelijkere voertuigen te kopen zou moeten voortduren, maar zal waarschijnlijk niet sterker worden.
D'Ieteren Auto streeft de ambitie na om zijn marktaandeel verder te verhogen, na in 2010 meer dan 20% te hebben bereikt. Hiervoor kan D'Ieteren
Auto rekenen op dynamische teams en netwerken, de tevredenheid van zijn klanten over de dienstverlening, en op kwaliteitsvolle gamma's die uitgebreid worden en nieuwe segmenten aanboren. Zo zal Volkswagen zijn intrede doen in het segment van de pick-ups met de Amarok. Bovendien werden veel nieuwe modellen verjongd of zal dat in de nabije toekomst het geval zijn. Dat geldt voor de Jetta, de Eos, de Golf Cabriolet, de Beetle en de Tiguan bij Volkswagen, evenals voor de A6 Berline bij Audi. Daarnaast zal de A1 uitgerust worden met nieuwe motorisaties. Bij Škoda zal dit jaar ook de 2de generatie van het ecologische GreenLine gamma gelanceerd worden, terwijl bij Porsche de hybride versie van de Panamera verwacht wordt.
Dankzij de stijging van zijn globale marktaandeel en de gunstige evolutie van de Belgische markt realiseerde D'Ieteren Auto in 2010 een omzet van 2,7 miljard EUR, hetzij
11,4% beter dan het jaar voordien.
Met meer dan 15 miljoen verkochte exemplaren sinds 1973 staat de Volkswagen Passat symbool voor één van de grootste succesverhalen uit de geschiedenis van de auto. De zevende generatie van de Passat verschijnt aan de start met overtuigende argumenten, zoals een gemiddeld verbruik van slechts 4,1 l/100 km, een voorzijde in de stijl van de Phaeton, een nieuw design en bijstandsystemen die een brug naar de hogere klasse slaan.
Toptechnologie in "business class": de nieuwe Audi A6 berline maakte zijn opwachting op de markt begin 2011. De grote berline pakt uit met innoverende oplossingen in alle domeinen: een lichtgewicht koetswerk, een sportief onderstel en een ruime keuze aan nieuwe bijstand- en multimediasystemen. Ook het motoren- en versnellingsbakgamma is zeer uitgebreid.
Voor het eerst biedt Škoda in alle modelreeksen een versie met geoptimaliseerd verbruik aan. Van de Fabia over de Roomster, de Octavia en de Yeti tot de Superb en de Superb Combi kunnen klanten nu kiezen voor een GreenLine-variant. Škoda heeft altijd voorrang gegeven aan zuinige wagens. Met de komst van de GreenLineversies gaat het merk nog een stapje verder, door nog zuinigere wagens met een bijzonder lage C02 -uitstoot aan te bieden.
De SEAT-designers hebben met de Ibiza ST een uiterst functioneel concept gekoppeld aan de typische vormtaal van het Spaanse merk. Ondanks zijn 'break'-architectuur en zijn ruime laadcapaciteit behoudt hij het jonge en sportieve karakter dat kenmerkend is voor de hele Ibiza-reeks. Met een totale lengte van 4,23 meter is de Ibiza ST liefst 18 cm langer dan de Ibiza. Dat garandeert voldoende laadruimte om aan alle eisen van een sportieve en actieve levensstijl te beantwoorden.
In 2003 bracht de Continental GT een omwenteling teweeg in het segment van luxecoupés, door de prestaties en het dynamisme van een supercar te koppelen aan een gebruiksgemak voor iedere dag. Vandaag vormt de nieuwe Continental GT Coupé een unieke gelegenheid om een nieuwe richting uit te zetten voor één van de meest iconische creaties van het merk Bentley. Immers differentieert hij zich door een meer uitgesproken sportief karakter en door een comfortabele omgeving voor vier passagiers.
De V12 van Lamborghini is een lang succesverhaal. 2011 betekent de start van een nieuw hoofdstuk met de LP 700-4 Aventador. Het nieuwe vlaggenschip rust op een monocoqueconstructie in koolstofvezel, een vierwielaandrijving en een gerobotiseerde manuele zevenversnellingsbak. Zijn twaalfcilindermotor van 700 pk presteert een topsnelheid van 350 km/u en een acceleratie van 0 tot 100 km/u in 2,9 seconden.
Uiterst compact, uiterst sportief en heel zeldzaam: de nieuwe 911 Speedster in beperkte serie beantwoordt aan deze drie kwalifi caties. Als eerbetoon aan de eerste Speedster van Porsche (de 356 Speedster) zal het nieuwe model slechts in een oplage van 356 exemplaren gebouwd worden. Hij werd ontworpen door Porsche Exclusive, de "huis"-designer van het merk gespecialiseerd in het personaliseren van seriemodellen, die in 2011 zijn 25-jarig bestaan viert.
De nieuwe Super Ténéré is een tweecilinder met cardanaandrijving waarmee Yamaha zijn plaats in het zware trail-segment weer kan opeisen. Dit model biedt standaard alle technologische snufjes beschikbaar om de rijder te helpen: ABS, instelbare anti-slip regeling, touring/sport-mode,… Met de Super Ténéré beschikt Yamaha over een model waarmee het een breed publiek aanspreekt, enerzijds de tourliefhebbers, maar anderzijds ook echte avonturiers.
Avis Europe (genoteerd op de Beurs van Londen) is één van de leiders op het vlak van autoverhuur op korte termijn in Europa, Afrika, het Midden-Oosten en Azië, via zijn merken Avis en Budget. De rechten van deze twee merken zijn eigendom van Avis Budget Group (beursgenoteerd in de VS en geen aandeelhouder van Avis Europe). Avis Europe is actief in meer dan 100 landen met een netwerk van meer dan 3.900 servicepunten, fi lialen of licentiehouders, ondermeer op de belangrijkste luchthavens en treinstations. Dankzij de nauwe samenwerking met Avis Budget Group, zijn talrijke partnerships met de reissector en zijn fi losofi e om steeds betere diensten te verlenen (vandaar de slogan 'We try harder.'), sleepte Avis Europe al meermaals prestigieuze prijzen in de wacht. Deze strategie maakt het mogelijk voor Avis Europe de tweede plaats in zijn sector in Europa te bekleden, met een marktaandeel van 17,2%.
30
| IFRS | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2010 | 2009 | 2008 | 2007 | 2006 1 | 2005 | 2004 | |
| Externe verkopen 2, 3 | 1.519,8 | 1.392,7 | 1.655,7 | 1.324,7 | 1.255,0 | 1.276,4 | 1.252,8 |
| Waarvan verhuuropbrengsten | 1.198,2 | 1.159,6 | 1.311,3 | 1.324,7 | 1.255,0 | 1.276,4 | 1.252,8 |
| Courant bedrijfsresultaat 2, 4 | 108,2 | 103,4 | 112,7 | 106,5 | 89,8 | 100,4 | 114,2 |
| Courante bedrijfsmarge 5 | 9,0% | 8,9% | 8,6% | 8,0% | 7,2% | 7,9% | 9,1% |
| Courant resultaat, groepsaandeel vóór belastingen 2, 4 na belastingen4 4 |
29,2 16,7 |
20,9 14,8 |
22,5 13,0 |
22,0 17,7 |
17,8 14,6 |
22,7 16,6 |
31,1 23,3 |
| Gemiddeld personeelsbestand (gemiddeld voltijdse equivalenten) |
5.163 | 5.319 | 5.967 | 6.122 | 6.276 | 6.253 | 6.166 |
Na aanpassing van 2006 als gevolg van de geïdentifi ceerde onregelmatigheden in Portugal.
Uitgezonderd de in 2006 en 2007 verkochte Griekse activiteiten (toepassing van IFRS 5). 3. De verkopen omvatten sinds 2008 de opbrengsten op de verkoop van voertuigen zonder terugkoopovereenkomst als gevolg van de wijziging van IAS 16 (zie toelichting 2.1. van de geconsolideerde jaarrekening 2009).
Vóór ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen.
De courante bedrijfsmarge wordt berekend door het courant bedrijfsresultaat te delen door de verhuuropbrengsten.
| GEOGRAFISCHE SPREIDING VAN DE CORPORATE VERKOPEN |
2010 | 2009 |
|---|---|---|
| ● Frankrijk | 24% | 24% |
| ● Italië | 17% | 17% |
| ● Duitsland | 17% | 16% |
| ● Verenigd Koninkrijk | 15% | 16% |
| ● Spanje | 13% | 13% |
| ● Andere | 14% | 14% |
| TOTAAL | 100% | 100% |
| KLANTENSPREIDING | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| ● Individuele klanten | 54% | 55% |
| ● Corporate | 34% | 34% |
| ● Verzekering/Vervanging | 12% | 11% |
| TOTAAL | 100% | 100% |
"De voorbije twee jaar hebben we Avis Europe aanzienlijk hervormd door de onderneming effectief te herstructureren en de merken Avis en Budget te reorganiseren met het oog op toekomstige groei. Tegelijkertijd hebben we verder geïnvesteerd in de innovatie van onze klantendienst en in onze productdifferentiatie. Samen met onze kapitaalsverhoging in de zomer resulteert dit in een zeer sterk platform om onze rendabele groei verder te bevorderen. We zijn nu van plan om het maximum te halen uit de opportuniteiten die voortvloeien uit de verbeterende trends die we vaststellen binnen de hele sector en die onze permanente inspanningen zullen ondersteunen om de marges en de cashgenerering te verbeteren. Dankzij de sterkte van onze merken, onze service en ons innovatief klantenaanbod is Avis Europe uitstekend geplaatst om het maximum te halen uit de opportuniteiten, zowel op onze traditionele kernmarkten als op de groeimarkten, en om onze nieuwe mobiliteitsoplossingen verder uit te bouwen."
Pascal Bazin, CEO van Avis Europe
In 2010 zag de sector van de autoverhuur een geleidelijke terugkeer van de groei doordat de wereldwijde economische omstandigheden zich stabiliseerden, zij het met een aantal onvoorziene onderbrekingen van de reisactiviteit in de loop van het jaar. Zo kon Avis Europe zich blijven focussen op verdere verbeteringen van de tarifering, gecombineerd met een nauwgezette kosten- en kapitaalbeheersing. Tegelijkertijd investeerde Avis Europe in toekomstige groeiopportuniteiten, en meer bepaald in zijn verdere expansie in China, en in de lancering van nieuwe mobiliteitsoplossingen voor de klanten.
Avis Europe investeerde in toekomstige groeiopportuniteiten, en meer bepaald in zijn verdere expansie in
en in de lancering van nieuwe mobiliteitsoplossingen voor de klanten.
| Voornaamste resultaatindicatoren | Verschil op 1 jaar |
|---|---|
| Vlootgebruik | +100 bp |
| Aantal gefactureerde verhuurdagen (bij constante perimeter) |
+0,80% |
| Opbrengst per verhuurdag (bij constante wisselkoers) | +1,60% |
| Rentabiliteit van het aangewende kapitaal | +250 bp |
| Courante operationele marge | +10 bp |
Dankzij het marktherstel en eigen acties om zijn marktaandeel te verhogen, kende Avis Europe in de loop van het jaar een geleidelijke verbetering van de volumes in zijn corporate activiteiten, met een aantal gefactureerde verhuurdagen dat positief evolueerde tijdens het tweede semester. Dit leidde voor heel het jaar tot een stijging met 0,8% bij constante perimeter. De betere macro-economische omgeving, de geografi sche diversifi catie, het merkleiderschap en de differentiatie van de dienstverlening waren allemaal elementen die bijdroegen tot deze prestaties, ondanks de onderbrekingen van de reisactiviteit als gevolg
van de ongunstige weersomstandigheden in heel Noord-Europa, zowel in het begin als op het einde van het jaar, en van de IJslandse aswolk in april. Avis Europe stelde in het merendeel van de landen een verbeterende trend vast. De grootste uitzondering hierop was Spanje, waar de economische omgeving moeilijk blijft. Avis Europe realiseerde de grootste groei in het VK, voornamelijk dankzij de ondertekening van verschillende belangrijke nieuwe corporate contracten en de stijging van het marktaandeel in het segment Verzekering/Vervanging, dat minder seizoensgebonden en niet luchthavengebonden is.
Avis Europe stelt doelgericht alles in het werk om zijn merken te differentiëren en te versterken. Tot de recente initiatieven behoorden de herlancering van de websites voor klantenboekingen, de verbetering van online portalen voor klantenfacturering, de invoering van een toepassing voor reservaties via iPhone en de ontwikkeling van een oplossing voor boekingen via Blackberry. Deze verbeteringen en innovaties zijn een aanvulling bij het aanhoudende succes van de "3-minute promise", waarbij Avis Europe zijn "Avis Preferred" klanten garandeert dat ze hun autosleutels en hun huurovereenkomst in ontvangst kunnen nemen binnen de drie minuten. Dit blijft een ongeëvenaarde dienst in de verhuursector.
Bovendien kende Avis Europe een verdere aanzienlijke groei van de recent gelanceerde klantenaanbieding "Avis Flex", een veelzijdig maandelijks verhuurproduct om in te spelen op de toenemende vraag van corporate
klanten naar meer fl exibiliteit.
Avis Europe bleef het vlootniveau nauwgezet beheren door voort te bouwen op gedane investeringen in revenue management, en probeerde de klantenmix te optimaliseren. Al deze acties droegen bij tot de verbetering van de opbrengst per verhuurdag met 1,6% bij constante wisselkoers.
De opbrengsten uit de licentiehouders waren 8,6% hoger. In de meeste regio's overtrof Avis de resultaten van vorig jaar, dankzij het vroegere volumeherstel en de gunstige wisselkoersen. De gerapporteerde inkomsten van Budget waren lager op jaarbasis, aangezien twee markten gereorganiseerd werden tot corporate activiteiten.
Avis Europe heeft het vlootgebruik met 100 basispunten verder verbeterd tot 73,9%, bovenop de aanzienlijke verbetering met 390 basispunten die al in 2009 werd gerealiseerd. En dit alles ondanks de operationele uitdagingen die voortvloeiden uit de aswolk en een geleidelijk evenwichtsherstel van de bewaarperiodes voor de voertuigen zonder terugkoopovereenkomst. Ook de invoering van een vergoeding voor niet-annulering verbetert het vlootgebruik, aangezien Avis Europe nu meer kennisgevingen ontvangt van klanten die hun reisplannen hebben gewijzigd.
Als resultaat van de bovenstaande ac-
ties steeg de courante bedrijfsmarge verder met 10 basispunten tot 9,0%. De netto fi nancieringskosten daalden aanzienlijk, zowel als resultaat van de lagere schuldniveaus (die daalden dankzij de kapitaalverhoging en de aanhoudende kapitaalbeheersing) als van de lagere rentevoeten. Als gevolg hiervan steeg de courante marge vóór belastingen aanzienlijk met 120 basispunten tot 4,2%.
De courante rentabiliteit van het aangewende kapitaal steeg met 250 basispunten tot 12,4%, zowel als gevolg van de verbeterde bedrijfsmarge als van de focus op het aangewende kapitaal.
Na de aanzienlijke verlaging van de vaste kosten in 2009, focuste Avis Europe zich verder op een nauwgezette beheersing van alle kosten. Het gemiddelde personeelsaantal werd verder verlaagd met 2,9% en Avis Europe zette in het eerste kwartaal van 2010 de loonbevriezing van het jaar voordien voort.
In de loop van het jaar versterkte Avis Europe de operationele integratie van de corporate verhuurkantoren van Budget in Avis. Dit is nu ook van kracht in Duitsland en Nederland, waar de synergieën verder gemaximaliseerd worden door de vloot- en backoffi cefuncties volledig samen te voegen.
Avis Europe voerde ook verdere verbeteringen door op het vlak van de businessprocessen. Het bedrijf breidde de implementering uit van een verbeterde systeeminterface voor het personeel van de verhuurkantoren, waardoor de opleidingsbehoeften afnemen en de klantenervaring verbetert. De sterke focus op de vlootkosten blijft van toepassing en Avis Europe is momenteel een nieuw systeem aan het implementeren om de detentiekosten te verlagen door de rotatie van de vloot verder te optimaliseren.
Naast zijn aanhoudende focus op de traditionele markten in West-Europa blijft Avis Europe investeren in zijn internationale activiteiten. Dit omvat de verdere ontwikkeling van zijn netwerk van licentiehouders (bijvoorbeeld de recente opening in Vietnam) en de snelle uitbreiding van de joint venture in China. Bovenop het groeipotentieel op lange termijn dat deze markten bieden, begint Avis Europe nu al de vruchten te plukken van de zeer sterke toename van de uitgaande internationale reisactiviteit van deze klanten naar de traditionele markten.
Bovendien heeft Avis Europe groeimogelijkheden geïdentifi ceerd nu consumenten en bedrijven steeds meer geïnteresseerd zijn om afstand te doen van de bestaande voertuigeigendomsformules en inzien dat de onderneming uitstekend geplaatst is om mee vorm te geven aan de evolutie van milieuvriendelijke mobiliteit. De huidige investerings- en ontwikkelingsactiviteit in het kader van dergelijke mobiliteitsaanbiedingen omvat de verwerving van het belang van Vinci Park in het Parijse car-sharing initiatief Okigo dat "Avis on Demand" herbenoemd werd, de lancering van thuislevering en -afhaling in het VK en de ontwikkeling in Frankrijk van een alternatieve kortetermijnoplossing voor leasingklanten van een Frans merk.
Resultaten van
2010 in een
notendop
Avis Europe garandeert zijn "Avis Preferred" klanten hun autosleutels en hun huurovereenkomst binnen de drie minuten te ontvangen.
De verhuuropbrengsten bedroegen 1.200 miljoen EUR, een stijging met 3,3% die voornamelijk de betere prijsprestaties van de fi lialen en de voortzetting van de groei in het segment van de Avis licentiehouders weerspiegelt. De verhuuropbrengsten uit de corporate activiteit bedroegen 1.153,4 miljoen EUR, een stijging met 3,1% bij courante wisselkoers en 2,3% bij constante wisselkoers.
Het aantal gefactureerde verhuurdagen was over het geheel genomen 0,1% lager, en bij constante perimeter 0,8% hoger. Avis Europe kende over het hele jaar in de meeste landen een verbeterende trend, met een forse stijging van het aantal gefactureerde verhuurdagen in de tweede jaarhelft, waardoor de zwakkere eerste jaarhelft gecompenseerd werd.
Avis Europe verhoogde de opbrengst per verhuurdag met 2,4% bij courante wisselkoers en 1,6% bij constante wisselkoers. De prestaties waren vooral sterk in de eerste jaarhelft, dankzij een voordeel van ongeveer 1 punt uit one-way verhuren in de periode van de aswolk. De activiteiten van Avis Europe waren de hele zomer rendabel, maar sinds augustus was de gerapporteerde gemiddelde opbrengst per verhuurdag lager als gevolg van de langere verhuurtermijnen door het succes van "Avis Flex" en het feit dat de klanten de verhuurtermijnen verlengden bij ongunstige weersomstandigheden.
Het courante bedrijfsresultaat was 4,8 miljoen EUR hoger dan in de vergelijkingsperiode, dankzij de verbetering van de prijs per verhuurdag en de verdere strikte kostenbeheersing. De courante netto fi nancieringskosten bedroegen 59,5 miljoen EUR en waren 8,8 miljoen EUR lager. Dit weerspiegelt de daling van de courante gemiddelde netto schuld voor het jaar en het voordeel uit de lagere rentevoeten, aangezien bestaande indekkingen vervielen. Dit werd gedeeltelijk gecompenseerd door de impact van lagere depositorentes op de hogere gemiddelde bruto kasdeposito's die werden aangehouden. De effectieve kredietrentevoet bedroeg 6,5% (2009: 6,7%) en de depositorente bedroeg 0,5% (2009: 1,2%).
Met zijn 2-merkenstrategie en zijn wereldwijde reikwijdte is het bedrijf uitstekend geplaatst om de groei te bevorderen en te profi teren van het verbeterde economische klimaat op het merendeel van zijn voornaamste markten. Hoewel de visibiliteit op de markten beperkt blijft, vooral in Spanje, verwacht Avis Europe dat de globale volumes verder zullen toenemen en zal het bedrijf blijven proberen om zijn prijzen te verbeteren.
Ook de kosten- en kapitaalbeheersing blijft cruciaal en Avis Europe blijft zich inzetten om het vlootgebruik steeds te verbeteren. Bovendien zullen de netto fi nancieringskosten op jaarbasis dalen, dankzij de cashfl owprestaties en het effect van de kapitaalsverhoging over een heel jaar. Avis Europe verwacht daarom dat zijn courante marge vóór belastingen in 2011 zal blijven stijgen.
Naast de focus op zijn traditionele kernmarkten, die profi teren van de sterkte van de merken Avis en Budget en van de grote aandacht voor de kwaliteit van de dienstverlening, zal Avis Europe ook blijven investeren in groeiopportuniteiten – meer bepaald in de verdere expansie in China en op andere snelgroeiende markten – en zal het bedrijf blijven innoveren door nieuwe mobiliteitsoplossingen aan te bieden aan de klanten. De Raad van Bestuur van Avis Europe heeft het volste vertrouwen in de verdere groei in het komende jaar.
36 BELRON
Belron is wereldleider op het vlak van herstelling en vervanging van voertuigbeglazing. Met een vijftiental merken – waaronder Carglass, Autoglass en Safelite Auto Glass – en een netwerk van fi lialen en franchisehouders in 33 landen over vijf continenten, bestrijkt het bedrijf 76% van het wereldwijde autopark. Dankzij 1.900 servicepunten en 9.500 mobiele service-units die 24 uur op 24 en 7 dagen op 7 beschikbaar zijn, kunnen de serviceteams altijd en overal tegemoetkomen aan de noden van de klant. Deze focus op de servicekwaliteit genereert een zeer hoge klantentevredenheid. Belron heeft ook langetermijnpartnerships gesloten met de grootste verzekeringsmaatschappijen en vlootbeheerders, die het bedrijf toelaten schadeclaims af te handelen van A tot Z en het administratieproces aanzienlijk te vereenvoudigen. D'IETEREN JAARVERSLAG 2010
| IFRS | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2010 | 2009 | 2008 | 2007 | 2006 | 2005 | 2004 | |
| Aantal interventies (in miljoen eenheden) | 11,7 | 10,7 | 9,4 | 8,4 | 6,1 | 5,3 | 4,9 |
| Externe verkopen | 2.800,9 | 2.423,2 | 2.156,1 | 2.000,0 | 1.507,3 | 1.253,7 | 1.118,4 |
| Courant bedrijfsresultaat 1, 2 | 255,6 | 215,5 | 173,9 | 156,5 | 119,9 | 99,2 | 96,1 |
| Courante bedrijfsmarge | 9,1% | 8,9% | 8,1% | 7,8% | 8,0% | 7,9% | 8,6% |
| Courant resultaat, groepsaandeel | |||||||
| vóór belastingen 1 | 211,3 | 150,4 | 108,6 | 97,6 | 72,0 | 59,8 | 44,2 |
| na belastingen 1 | 155,5 | 126,1 | 86,7 | 83,4 | 62,7 | 45,8 | 31,4 |
| Gemiddeld personeelsbestand (gemiddeld voltijdse equivalenten) |
24.790 | 22.399 | 20.833 | 18.281 | 12.731 | 10.932 | 9.794 |
EVOLUTIE VAN DE VERKOPEN EN VAN HET COURANT BEDRIJFSRESULTAAT VAN BELRON SINDS 2004 (IN MILJOEN EUR)
| VERDELING VAN DE INTER VENTIES (IN MILJOEN EENHEDEN) |
2010 | 2009 | Wijziging |
|---|---|---|---|
| ● Vervanging | 8,2 | 7,6 | 7,9% |
| ● Herstelling | 3,5 | 3,1 | 12,9% |
| TOTAAL | 11,7 | 10,7 | 9,3% |
| GEOGRAFISCHE SPREIDING VAN DE VERKOPEN (IN MILJOEN EUR) |
2010 | 2009 | Wijziging |
|---|---|---|---|
| ● Europa | 1.575,4 | 1.380,8 | 14,1% |
| ● Rest van de wereld | 1.225,5 | 1.042,4 | 17,6% |
| TOTAAL | 2.800,9 | 2.423,2 | 15,6% |
| VERDELING VAN DE INTER VENTIES (IN MILJOEN EENHEDEN) |
2010 | 2009 | Wijziging |
|---|---|---|---|
| ● Mobiel | 6,3 | 5,7 | 10,5% |
| ● Servicepunten | 5,4 | 5,0 | 8,0% |
| TOTAAL | 11,7 | 10,7 | 9,3% |
"2010 was opnieuw een uitdagend maar succesvol jaar voor Belron. We bleven onze doelstelling nastreven om onze klanten uitermate tevreden te stellen, ondanks de uitdaging van het extreme winterweer en de hoge glasbreukniveaus. We boekten ook aanzienlijke vooruitgang op het vlak van onze geografi sche uitbreiding en onze maatschappelijke verantwoordelijkheid. Het is dankzij het harde werk en de toewijding van de medewerkers van Belron over de hele wereld dat we opnieuw een aanzienlijke vooruitgang kunnen boeken."
Gary Lubner, CEO van Belron
's Werelds grootste bedrijf gespecialiseerd in de herstelling en vervanging van voertuigbeglazing liet in 2010 andermaal goede resultaten optekenen. Zo stegen de verkopen en het courante bedrijfsresultaat respectievelijk met 15,6% en 18,6% in vergelijking met 2009.
Om de 3 seconden wordt een herstelling of vervanging van voertuigbeglazing uitgevoerd > Dagelijks worden gemiddeld 9.600 voorruiten hersteld
Wekelijks worden 121.000 mobiele interventies uitgevoerd
2010 was opnieuw een uitdagend maar succesvol jaar voor Belron. In Europa was de groei van de verkopen grotendeels organisch. Dit weerspiegelt het strenge winterweer en de bijbehorende grote glasbreuk, samen met een stijging van het marktaandeel als gevolg van grotere investeringen in televisie- en radioreclame. De externe groei was voornamelijk toe te schrijven aan overnames in Turkije en Frankrijk in de eerste jaarhelft. Buiten Europa werd de organische groei getemperd door een zeer zachte winter weer in Canada en uitdagende marktomstandigheden in Brazilië. De externe groei was voornamelijk toe te schrijven aan de overname in oktober 2009 van Iowa Glass in de VS.
Naast de hogere verkopen was de stijging van het courante bedrijfsresultaat tot 255,6 miljoen EUR (een stijging met 18,6% in vergelijking met vorig jaar) toe te schrijven aan de nauwgezette kostenbeheersing, de lagere kosten voor het incentiveplan op lange termijn voor het management, en een gunstige impact uit wisselkoersschommelingen. Het bedrijf werd echter geconfronteerd met hogere glaskosten als gevolg van voorraadtekorten, hogere reclamekosten en de negatieve impact van de marktomstandigheden in Canada en Brazilië.
Voor 2011 wordt een verdere organische groei van de verkopen verwacht, al zal die groei gematigd worden door een minder strenge winter in Europa. Het bedrijf zal zich opnieuw focussen op de verlening van een uitstekende service aan zijn klanten, de samenwerking met verzekeraars en vlootbeheerders, en de verbetering van zijn operationele effi ciëntie.
| Verdeling van de interventies |
MOBIEL: 54% | SERVICEPUNTEN: | 46% | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Verdeling van de verkopen |
EUROPA: 56% | REST VAN | DE WERELD: 44% | |||||||
| % | 0 | 10 | 20 | 30 | 40 | 50 | 60 | 70 | 80 | 90 100 |
| 2010 | 2009 | |
|---|---|---|
| Mobiele service-units | 9.447 | 8.565 |
| Servicepunten | 1.945 | 1.820 |
| Werknemers | 24.790 | 22.399 |
In juni 2010 werd de zesde "Best of Belron" gehouden. Deze tweejaarlijkse wedstrijd erkent en beloont de beste technici binnen de groep. Zevenentwintig technici uit zevenentwintig verschillende landen dongen in 2010 mee naar de felbegeerde titel, onder het toeziende oog van meer dan 900 collega's, leveranciers en partners uit de verzekerings- en vlootsector.
De "Best of Belron" was in 2010 het grootste evenement binnen het bedrijf. Op het einde van een zeer zware reeks van oefeningen werd de beste technicus bekendgemaakt. De deelnemers werden beoordeeld op de kwaliteit van hun werk tijdens
een slopende praktische proef waarbij onder andere een voorruit hersteld en vervangen moest worden. Daarnaast werden de deelnemers onderworpen aan een schriftelijke test die alle aspecten van hun job bestreek, met inbegrip van klantenservice, werkmethode en veiligheid. Tijdens de hele duur van de wedstrijd werden de kandidaten beoordeeld op niet minder dan 1.027 criteria! De juryleden hechtten evenveel belang aan de klantencommunicatie als aan het technische werk.
Dankzij de "Best of Belron" kan de groep de vaardigheden van zijn technici verder verbeteren en zijn focus op een hoog kwaliteits- en veiligheidsniveau voor elke klant extra kracht bijzetten.
De winnaar van de "Best of Belron" 2010 was Benoit Deckers van Carglass België (foto).
Belron bleef zijn doelstelling nastreven om alle klanten een dienstverlening van wereldklasse aan te bieden. Het bedrijf bleef de NPS-methodologie (Net Promoter Score) gebruiken om te polsen naar en feedback te geven over zijn dienstverlening. De resultaten van deze metingen worden gebruikt voor opleidingen, ontwikkeling en beloningen. In 2010 werden meer dan 1 miljoen klanten ondervraagd. Hierdoor beschikte het bedrijf over een uitzonderlijke feedback op basis waarvan acties konden worden ondernomen.
Om de doelstelling van de dienstverlening van wereldklasse te ondersteunen, beloont het bedrijf werknemers die uitzonderlijke diensten verlenen – de "Every Day Heroes" – via de Belron Exceptional Customer Service Awards. Werknemers die in hun eigen land opmerkelijke diensten verlenen, worden genomineerd voor wereldwijde erkenning op basis van criteria zoals extra inspanningen, consistentie op lange termijn of aanzienlijke bevordering van een dienstverleningproces.
Om een dienst van wereldklasse te verlenen heeft het bedrijf een toeleveringsketen van wereldklasse nodig. In de loop van 2010 voltooide Belron de verbetering van zijn Noord-Amerikaanse toeleveringsketens met de opening van twee bijkomende distributiecentra. In september opende Safelite Auto Glass een distributiecentrum in Atlanta, Georgia (VS). Met een oppervlakte van 31.000 m² en een capaciteit van meer dan 3 miljoen stuks glas per jaar is dit op heden veruit het grootste distributiecentrum van Belron. In december werd een derde Noord-Amerikaans distributiecentrum geopend in Calgary, Canada. Dit distributiecentrum werd uitgerust met een nieuw "Warehouse Management System". Dit systeem zal de komende jaren geïmplementeerd worden in alle grote distributiecentra die het bedrijf wereldwijd bezit.
De twee nieuwe vestigingen verbeteren de klantenservice door een grotere beschikbaarheid van glas te verzekeren, maar daarnaast beperken ze ook aanzienlijk de af te leggen afstanden, wat bevorderlijk is voor de energie-effi ciëntie van Belron.
In de loop van 2010 breidde Belron zijn aanbod op het internet verder uit als reactie op de toenemende vraag van automobilisten over de hele wereld. In amper enkele muisklikken kunnen de klanten de herstelling of vervanging van hun voertuigbeglazing online boeken, en dit zowel voor interventies via een mobiele service-unit als in een servicepunt. In 2010 werden meer dan 800.000 vervangingen/herstellingen geboekt via het internet, en dit cijfer stijgt snel. Naast de verbetering van zijn dienstenaanbod op het internet probeerde Belron ook zijn zoekmotormarketing en zijn gebruik van sociale netwerken te optimaliseren. Op het vlak van sociale netwerken implementeerde Belron instrumenten waardoor het bedrijf contact kan houden met klanten en ontevreden klanten in contact kan brengen met zijn serviceteams.
Belron bleef in 2010 zijn geografi sche uitbreidingsstrategie voortzetten, vooral op groeimarkten. Na de overname in Qingdao in het derde kwartaal van 2009 werd het Chinese netwerk van Belron in 2010 uitgebreid met servicepunten in Jinan, Hangzhou, Shenzhen en Dongguan. In het begin van het jaar werd de voormalige Turkse franchisehouder overgenomen, waardoor Belron nu met 12 servicepunten aanwezig is op de groeiende Turkse markt. In het derde kwartaal deed Belron zijn intrede op de Russische markt met de overname van de herstelling- en vervangingsactiviteiten van Mobiscar, die 17 servicepunten omvatten in vier grote steden, waaronder Moskou en Sint-Petersburg. Daarnaast werden ook kleine overnames verricht in Brazilië, waar het bedrijf zijn aanwezigheid uitbreidde tot bijkomende steden.
Hoewel deze groeimarkten slechts een klein deel van de courante resultaten van Belron vormen, bieden ze heel wat toekomstpotentieel en moeten ze beschouwd worden als langetermijninvesteringen.
Belron sloot ook een franchiseovereenkomst in Estland, maar beëindigde op het einde van het jaar zijn franchiseovereenkomst in de Tsjechische Republiek. Al deze transacties brachten het totaal aantal landen waar Belron actief is op 33 eind 2010.
2000: Zwitserland, Griekenland* 2001: Denemarken, Turkije* , Slovenië* 2002: Zweden, Italië 2003: Noorwegen, Polen* , Servië en Montenegro* 2005: Hongarije* , Verenigde Staten 2006: Roemenië* Griekenland** 2007: Overname van Safelite Auto Glass (VS) 2009: China, Chili* , Finland* , Litouwen* 2010: Turkije**, Estland* , Rusland
* Franchisehouder ** Overname van een voormalige franchisehouder
D'Ieteren is zich bewust van de impact van zijn activiteiten op zijn omgeving en neemt concrete initiatieven op dit vlak. Momenteel zijn de drie prioriteiten van de Groep op het vlak van maatschappelijk verantwoord ondernemerschap de volgende:
Het maatschappelijk verantwoord ondernemerschap wordt binnen elke activiteit van de Groep autonoom georganiseerd om in overeenstemming te zijn met de specifi eke cultuur van de activiteit. Elke activiteit engageert haar teams om zich deze benadering eigen te maken.
2010 was opnieuw een jaar waarin concrete vooruitgang werd geboekt in alle domeinen van het maatschappelijk verantwoord ondernemerschap.
www.globalreporting.org
Het Global Reporting Initiative (GRI) is een netwerkorganisatie die pionierswerk verrichtte bij de uitwerking van 's werelds meest gebruikte structuur voor duurzaamheidverslaggeving. De verslaggevingstructuur zet de principes en prestatieindicatoren uiteen die organisaties kunnen gebruiken om hun economische, ecologische en maatschappelijke prestaties te meten en om hierover verslag uit te brengen.
D'Ieteren stemt zich geleidelijk aan af op de verslaggevingstandaard voor duurzame ontwikkeling van het GRI en situeert zichzelf op niveau C. Voor de drie activiteiten worden 13 indicatoren van het GRI gemeten, waarvan er 11 betrekking hebben op het milieu. Deze verslaggevinginformatie is beschikbaar op de website van het bedrijf (www.dieteren.com).
D'Ieteren Auto, Avis Europe en Belron treffen al meerdere jaren maatregelen die tot doel hebben hun rechtstreeks en onrechtstreeks milieu-impact te beperken, d.w.z. voornamelijk de CO2 -emissies en het afval.
Om deze doelstelling te realiseren, ondernemen de drie entiteiten van de Groep actie op het vlak van: > hun producten- en dienstenaanbod; > hun eigen ecologische voetafdruk.
Producten: de groep Volkswagen D'Ieteren Auto verdeelt de producten van de groep Volkswagen, die voertuigen voorstelt waarvan het brandstofverbruik en de CO2 -emissies voortdurend afnemen. Momenteel stoten meer dan 130 modellen van de groep Volkswagen minder dan 140g CO2 /km uit. Daarnaast beschikken de meeste merken over een steeds uitgebreider gamma modellen met lage CO2 -emissie – BlueMotion bij Volkswagen, GreenLine bij Škoda en Ecomotive bij Seat.
Dankzij de steeds milieuvriendelijkere modellen, het feit dat de automobilisten zich bewust zijn van de milieuproblematiek en de CO2 -premies van de overheid, waren de door D'Ieteren Auto verdeelde merken in 2010 goed voor:
bijna 32.000 inschrijvingen van nieuwe wagens die minder dan 105g CO2 /km uitstoten, in vergelijking met ongeveer 5.600 in 2009;
meer dan 10.000 inschrijvingen van nieuwe wagens die 105 tot 115g CO2 /km uitstoten, in vergelijking met ongeveer 6.200 in 2009.
D'Ieteren Auto werkt verschillende oplossingen uit om zijn klanten te helpen om hun eigen ecologische impact te beperken. Enkele voorbeelden:
de verschillende merken bieden hun klanten de mogelijkheid om lessen ecologisch rijden te volgen;
het merk Volkswagen nodigt zijn klanten uit om de impact van de CO2 -emissies van hun voertuig te
compenseren door deel te nemen aan de fi nanciering van ecologische projecten in opkomende landen;
bij een interventie aan een voertuig stellen de D'Ieteren Car Centers naast een vervangwagen ook fi etsen en scooters voor;
de concessies beschikken over perfect uitgeruste zones, zodat de klant ter plaatse kan wachten terwijl zijn auto hersteld wordt en zo nutteloze trajecten kan vermijden;
de CO2 -emissies van de vloot van D'Ieteren Lease worden gemeten en de klanten ontvangen maandelijks een overzicht van hun brandstofverbruik;
D'Ieteren Auto test sinds begin 2011 een nieuwe mobiliteitsoplossing die luistert naar de naam My Move. Dit is een systeem om voertuigen te delen en te beheren op de werkplaats of in residentiële gebouwen. Dit project, waarvoor een geavanceerd systeem voor het beheer van de reserveringen en de trajec-
ten werd uitgewerkt, heeft tot doel een verantwoordelijke mobiliteit te bevorderen in de steden, waar de wegen steeds meer verzadigd raken. In eerste instantie bestaat de gedeelde vloot van My Move uit BlueMotion voertuigen van het merk Volkswagen en uit enkele elektrische wagens en fi etsen. De test is beperkt tot enkele Brusselse ondernemingen en loopt tot midden 2011. Daarna zal de effi ciëntie van het project geëvalueerd worden.
Voor alle uitgebate vestigingen is het energiebeheersingbeleid van D'Ieteren Auto toegespitst op drie pijlers: de opvolging van het energieverbruik, de integratie van alternatieve energiebronnen en rationeel energiegebruik.
Op basis van energieaudits die in elke vestiging werden uitgevoerd, werden tal van energiebesparende maatregelen ondernomen, zoals:
de installatie van fotovoltaïsche panelen waardoor in 2010 271 MWu geproduceerd kon worden, hetzij 24,2% van het totale verbruik van de vestigingen waar de panelen geïnstalleerd zijn;
de geleidelijke installatie van warmtekrachtkoppelingcentrales en een alternatief gebruik van gas via de aankoop van nieuwe verwarmingsketels;
de plaatsing van schermerschakelaars, tijdschakelaars en snelsluitdeuren aan de ingang van de werkplaatsen;
de implementatie van verlichtingsen verwarmingssystemen per zone;
een sensibilisatiecampagne rond rationeel energiegebruik in verschillende vestigingen.
Sinds 2006 is het elektriciteitsverbruik van D'Ieteren Auto met 28% gedaald, terwijl het gas- en stookolieverbruik met 11% daalde (op vergelijkbare basis 1).
Gezien de uitbreiding van zijn vastgoedpark heeft D'Ieteren Auto tegen 2015 (in vergelijking met 2006) de volgende kwantitatieve doelstellingen vooropgesteld:
een vermindering van zijn energieverbruik met 20%;
eigen energieproductie die 25% van het totale elektriciteitsverbruik dekt.
Om de milieu-impact van zijn transport te beperken (wagenpark, verplaatsingen van het personeel tussen de woon- en werkplaats, zakenreizen), verbindt D'Ieteren Auto zich er onder meer toe:
de dienstvoertuigenvloot te diversifi ëren en zijn personeelsleden te informeren over de CO2 -emissies van het voertuig dat ze kiezen;
lessen ecologisch rijden te organiseren;
zijn mobiliteitsbeleid vanaf 2011 uit te breiden door zijn medewerkers aan te moedigen om gebruik te maken van verantwoordelijke mobiliteitsoplossingen, zoals de combinatie van het openbaar vervoer met een bedrijfswagen, evenals carpooling.
Wat het transport in onderaanneming betreft, meer bepaald voor de levering van nieuwe voertuigen of van onderdelen aan de concessiehouders, heeft D'Ieteren Auto in 2010 een studie gelanceerd om te bepalen welke maatregelen deze ecologische voetafdruk kunnen verkleinen.
D'Ieteren Auto promoot het sorteren en selectief inzamelen van afval, evenals de beveiligde opslag van gevaarlijke producten. Voor de recyclage van voertuigen op het einde van hun levenscyclus werkt D'Ieteren Auto actief samen met Febiac 2, in het kader van Febelauto 3. Deze organisatie slaagt er momenteel in ongeveer 90% van het gewicht van de voertuigen te recycleren binnen een gehomologeerd en ge-
controleerd circuit. Daarmee is België één van de beste leerlingen in Europa.
D'Ieteren Auto heeft ook de ambitie zijn zelfstandige concessiehouders te ondersteunen en te helpen om hun eigen milieu-impact te verminderen. D'Ieteren Auto zal in 2011 samenwerken met bepaalde zelfstandige concessiehouders om een milieucharter op te stellen dat tot doel heeft de 'best practices' te inventariseren, meer bepaald op het vlak van energieinvesteringen voor de gebouwen of afvalbeheertechnieken, en de concessiehouders te helpen bij de realisatie van energieaudits.
Rekening houdend met de graaddagen.
Belgische Federatie van de Auto- en Tweewielerindustrie (www.febiac.be).
Febelauto, opgericht in 1999, heeft tot doel het beheer van afgedankte voertuigen te organiseren en op te volgen, in overeenstemming met de geldende Europese Richtlijn (www.febelauto.be).
Avis Europe stelt alles in het werk om de impact van zijn activiteiten op het milieu te meten – de grootste impact is de broeikasgasemissie – en deze impact geleidelijk aan te verminderen.
Avis Europe heeft de Avis Eco Collection met lage emissie uitgebreid die op het einde van 2009 gelanceerd werd in het VK. Dit garandeert de klanten een brandstofeffi ciënt dieselmodel dat minder dan 120g CO2 /km uitstoot telkens als ze een wagen van de nieuwe collectie huren.
55% van de vlootaankopen in 2010 stootte minder dan 140g CO2 /km uit, in overeenstemming met de Europese normen. Op basis van de vlootaankopen vertegenwoordigt dit een daling met 5,4% van het gemiddelde aantal g/km CO2 per voertuig over de voorbije 2 jaar.
De vloot van Avis Europe bevat honderden nieuwe en milieuvriendelijke 'groene' wagens die rijden op andere brandstof dan benzine of diesel of die gebruik maken van geavanceerde emissieverlagende technologieën. Door zijn vloot regelmatig te moderniseren, garandeert Avis Europe dat de nieuwste voertuigen met lage CO2 -emissie gebruikt worden. Na elke verhuur worden de voertuigen gecontroleerd om een optimale operationele effi ciëntie in stand te houden.
Avis Europe ondertekende ook een vooruitbestelling van 500 elektrische voertuigen. Deze voertuigen zullen op het einde van 2011 opgenomen worden in de vloot van Avis en beschikbaar zijn voor klanten in zeven landen.
Avis Europe is zich ervan bewust dat het bedrijf in het kader van zijn activiteit als dienstverlener aan de automobilist naast een 'groenere' vloot ook alternatieve mobiliteitsoplossingen kan aanbieden aan zijn klanten, zoals de oplossingen die in 2010 werden ontwikkeld:
het Parijse car-sharing initiatief Okigo, dat de nieuwe naam "Avis on Demand" (zie hiernaast) kreeg. De klanten betalen een abonnement om 7 dagen op 7, 24 uur op 24 te kunnen beschikken over een Avis-wagen voor huur periodes vanaf één uur.
"Business Pack", waarbij Avis Europe aan leasingklanten een andere wagen aanbiedt gedurende een periode – bijvoorbeeld de gezinsvakantie – waarin hun noden anders zijn dan op gewone werkdagen. Op deze manier hebben de klanten een voordelig alternatief voor het bezit van een grotere wagen, terwijl ze hun fl exibele mobiliteit behouden.
Avis heeft het belang van Vinci Park in Okigo verworven en bezit nu 100% van de vennootschap. De activiteit wordt ontwikkeld onder de merknaam "Avis on Demand", eerst in Frankrijk en nadien in andere Europese landen. Zo zal deze activiteit kunnen genieten van alle operationele en commerciële synergieën met Avis. Vinci Park blijft een strategische partner voor de ontwikkeling van het netwerk van deze dienst, dankzij zijn talrijke parkeerparken in heel Europa.
Vandaag telt "Avis on Demand" 45 servicepunten waar de klanten in selfservice een wagen kunnen huren voor 1 uur tot enkele dagen, en dit 7 dagen op 7 en 24 uur op 24. Het aanbod richt zich tot een brede doelgroep, zowel voor persoonlijke als voor professionele doeleinden. Dankzij dit aanbod kunnen de klanten op een eenvoudige en fl exibele manier een wagen gebruiken zodra ze die nodig hebben, zonder alle rompslomp die gepaard gaat met het bezit van een wagen (verzekering, parking, onderhoud, herstellingen, enz.) of zonder verplicht te zijn om minimum een hele dag een wagen te huren. De huurprijs omvat het aantal afgelegde kilometers, verzekering, benzine en gps.
Studies hebben aangetoond dat deze manier van autodelen tot 8 individuele wagens kan vervangen! Bovendien stoten de voertuigen van de "Avis on Demand" vloot gemiddeld minder dan 120g CO2 /km uit.
In veel verhuurkantoren, vooral op luchthavens, worden de locaties gedeeld met andere gebruikers. Dit beperkt dan ook de capaciteit van Avis Europe om zijn eigen energieverbruik te berekenen. Waar mogelijk hebben de nationale corporate-hoofdzetels, verhuurkantoren en gedeelde servicecentra echter individuele doelstellingen op het vlak van energieverbruik bepaald. Bovendien heeft Avis Europe nauwere banden gesmeed met bepaalde luchthavenbedrijven om gezamenlijke milieu-initiatieven te lanceren.
In 2010 werden acties ondernomen om gebouwen milieuvriendelijker te maken en om het personeel meer kansen te bieden om hun steentje bij te dragen. Enkele van deze initiatieven waren:
de beperking van het energieverbruik door een intern programma te lanceren om de CO2 -emissies te verlagen. Dit omvatte energieaudits, de plaatsing van bewegingssensoren voor de verlichting en de overschakeling op technologie die minder elektriciteit verbruikt. Metingen in Duitsland tonen aan dat de omschakeling van lichtreclame op LED-
technologie resulteert in ongeveer 85% energiebesparing;
de ondertekening van het eerste groene elektriciteitscontract. In het kader van dit contract zal alle elektriciteit die in de Europese hoofdzetel van april 2011 tot maart 2012 verbruikt wordt, afkomstig zijn van 100% hernieuwbare energiebronnen zoals windturbines, biomassa en hydrosystemen;
overschakeling van de huidige doelstelling van 60-80% naar 100% voor de recyclage van het bedrijfsafval. Avis Europe recycleert al zijn papier, plastic en blikjes, en is waar mogelijk volkomen papierloos geworden;
het gebruik van e-learning en videoconferenties om de reisactiviteit te verminderen. Zeven landen nemen daar nu al aan deel, wat resulteert in een aanzienlijke afname van de Europese reisactiviteit;
de aanmoediging van car-sharing in de Europese hoofdzetel door prioritaire parkeerplaatsen toe te wijzen aan werknemers die samen reizen;
de recyclage van water door wagens te wassen met gerecycleerd regenwater.
Belron heeft twee kerndoelstellingen geïdentifi ceerd om zijn milieu-impact te beperken:
zijn glasafval beperken tot het minimum door de afvalvolumes te verkleinen en glas te recycleren in elke vestiging van Belron; > de CO2 -emissies verminderen.
Om het glasafval te verminderen, blijft Belron zijn "Repair fi rst" benadering actief promoten (zie hieronder). De herstelling van een voorruit genereert bijna tien keer minder CO2 -emissies dan een vervanging en produceert aanzienlijk minder afval.
In 2010 voerde Belron in Frankrijk een onderzoek om het verschil in CO2 emissie te meten tussen het bezoek van een automobilist aan een servicepunt van Belron en een mobiele interventie. Uit de resultaten bleek dat een mobiele interventie ongeveer 35% minder CO2 produceert als gevolg van het kleinere aantal afgelegde kilometers.
Dankzij het "Repair fi rst" beleid kunnen zowel de klanten als de verzekeringspartners geld besparen. En als Belron kan herstellen in plaats van vervangen, heeft dit tegelijkertijd een geringere impact op het milieu. De herstelling van een voorruit genereert 2.000 keer minder afval en stoot 10 keer minder CO2 uit dan zijn vervanging.
D'IETEREN JAARVERSLAG 2010
Belron verwijdert glas en ander afval op de meest ecologisch verantwoorde manier die beschikbaar is en het bedrijf probeert commerciële relaties aan te gaan om nieuwe fabrieken voor de recyclage van voertuigbeglazing te introduceren in sommige landen waar het bedrijf actief is. Belron blijft zich focussen op de impact van zijn toeleveringsketen en beperkt waar mogelijk actief zijn productverpakking. Het gebruik van herbruikbare kisten voor het transport van glas zal in de toekomst van groot belang zijn.
Om zijn CO2 -emissies te begrijpen, te beheren en optimaal te verminderen heeft Belron zijn eigen ecologisch verslaggevingsysteem ontwikkeld. Dit is een webgestuurd platform waarop de business units hun milieu-impact op betrouwbare wijze kunnen opvolgen en hierover verslag kunnen uitbrengen. Dankzij deze nauwgezette en consistente benadering kan Belron zijn wereldwijde emissies opvolgen en kernacties identifi ceren om zijn emissies te verminderen.
In 2011 zal Belron zich focussen op de vermindering van de emissies van zijn vloot (de grootste bron van emissies binnen Belron). Hiervoor zullen een aantal bestuurdersgerichte initiatieven gecontroleerd en getest worden, zoals een opleiding voor de bestuurders om niet alleen nodeloos brandstofverbruik te vermijden, maar ook om veilig rijgedrag te bevorderen.
Belron zal ook de emissies van zijn gebouwen verder verminderen. Het bedrijf implementeert nieuwe technologieën in zowel nieuwe als gerenoveerde vestigingen, en voert formele milieubeheersystemen in. In 2011 is de uitwerking gepland van een reeks standaarden en richtlijnen voor nieuwe en gerenoveerde gebouwen, om maximale milieubesparingen te realiseren.
Om de maatschappelijke verantwoordelijkheid binnen de Groep te integreren en te ondersteunen, worden de activiteiten aangemoedigd om gedragscodes uit te werken die gebaseerd zijn op de integriteit- en transparantieprincipes en die de individuele en collectieve regels bepalen volgens dewelke de medewerkers hun verantwoordelijkheden moeten dragen en hun relaties met de – zowel interne als externe – stakeholders moeten beheren.
Eind 2010 heeft D'Ieteren Auto op basis van de waarden die iedereen bij de indiensttreding in het bedrijf verzocht wordt te volgen, de grondslag gelegd van een code die de aanbevolen 'best practices' defi nieert om iedereen een kwaliteitsvolle werkomgeving te verzekeren, evenals relaties tussen de personeelsleden en de leveranciers, de klanten en andere externe tegenpartijen die gebaseerd zijn op wederzijds respect en ethiek.
2010 was een belangrijk jaar voor Belron met de wereldwijde roll-out van zijn ethische gedragscode, gekend als 'Our Way of Working'. Deze gedragscode werd vertaald in elke taal binnen de groep en werd gelanceerd tijdens een speciale sensibilisatiesessie in elke vestiging van Belron. De meeste werknemers van Belron werden in de loop van 2010 gesensibiliseerd voor 'Our Way of Working' en het is de bedoeling dat elke werknemer van Belron tegen het einde van het eerste kwartaal van 2011 een sensibilisatiesessie heeft bijgewoond. Om de roll-out te ondersteunen en het be-
lang van 'Our Way of Working' te versterken, heeft Belron ook een website ontwikkeld die helemaal in het teken staat van de ethische gedragscode.
Avis Europe stelde zijn ethische code op in 2008. De code heeft tot doel alle werknemers in één enkel document eenvoudige en duidelijke richtlijnen te verstrekken met betrekking tot de verwachte gedragsstandaarden. In dit document komen aspecten aan bod zoals servicestandaarden, merkreputatie, betalingen en geschenken, concurrentiebeleid en aandelenhandel. Er geldt een gemeenschappelijk kernbeleid van Avis Europe, hoewel de landen bijkomende lokale vereisten mogen toevoegen. De gedragscode maakt deel uit van de arbeidsovereenkomst en wordt ondertekend door nieuwe werknemers. De onderneming
promoot de gedragscode ook op de nationale intranetten en op mededelingenborden in de vestigingen. Elk land kreeg de taak een jaarlijks plan te bepalen om de werknemers te herinneren aan de gedragscode. Hiervoor zou gebruik worden gemaakt van de bestaande communicatiekanalen in de landen (bv. vergaderingen met verhuurkantoormanagers, lokale roadshows,…).
Eind november 2010 organiseerde D'Ieteren Auto zijn eerste bedrijfsvrijwilligersdagen, de "Give & Gain Days". Dankzij dit initiatief kon het personeel gedurende een hele werkdag liefdadigheidsverenigingen, maatschappelijke verenigingen of milieuverenigingen helpen en zo hun activiteiten ontdekken en hun dagelijkse realiteit ervaren.
Meer dan 260 medewerkers, van elk niveau, stemden er vol enthousiasme mee in om hieraan deel te nemen. Ze voerden in teamverband allerlei werkzaamheden uit: sociale
restauratie, begeleiding van gehandicapten, adviesverlening aan en coaching van onderschoolde werkzoekenden, verfraaiing van lokalen, organisatie van excursies of schoonmaak en onderhoud van sites.
Iedereen was het erover eens dat deze dagen een opmerkelijke ervaring en een prachtig voorbeeld van zelfopoffering en teamgeest waren.
Via zijn drie activiteiten wil D'Ieteren bijdragen aan de verbetering van de levenskwaliteit van de gemeenschappen: > door zijn mecenaatbeleid voort te zetten; > door het persoonlijke engagement van zijn medewerkers aan te moedigen, meer bepaald via bedrijfsvrijwilligerswerk.
Het jaar 2010 werd gekenmerkt door het succes van de "Give & Gain" vrijwilligersdagen (zie hiernaast) die voor de eerste keer georganiseerd werden. Dankzij dit initiatief kon het personeel van D'Ieteren Auto zijn steentje bijdragen aan de verbintenissen van het bedrijf op het vlak van maatschappelijk verantwoord ondernemerschap. Dit initiatief zal in 2011 herhaald worden.
Naast deze "Give & Gain" dagen bleef D'Ieteren Auto fi nanciële steun verlenen en voertuigen uitlenen aan verschillende projecten van sociale aard en liefdadigheidsinstellingen zoals het Rode Kruis, Cap 48 (geldinzameling ten voordele van verenigingen die hulp bieden aan gehandicapten), Child Focus (Stichting voor Vermiste en Seksueel Uitgebuite Kinderen), Dokters van de Wereld, Make-a-Wish (vereniging die dromen van ernstig zieke kinderen waarmaakt), Dream (vereniging die ontmoetingen organiseert tussen jongeren die binnenkort afstuderen en professionelen), Think-Pink (strijd tegen borstkanker), Smiles (medische verzorging van kinderen besmet met hiv),…
De aandacht voor de gemeenschappen blijft toenemen, zowel globaal als binnen de verschillende business units. Een mooi voorbeeld hiervan was te zien bij Carglass Italië, waar meer dan 1/3 van de werknemers vrijwillig kwam werken om fi lialen te openen op een zondag en meer dan 300 klanten te bedienen. De ingezamelde opbrengst werd integraal geschonken aan de stichting 'I Bambini delle Fate', de liefdadigheidspartner van Carglass Italië. Daarnaast werd er geld ingezameld door kleine kerstgeschenkjes te verkopen in de servicepunten.
Op wereldwijd niveau namen 900 werknemers van Belron uit 16 landen op zaterdag 7 augustus deel aan de Triatlon van Londen om geld in te zamelen voor MaAfrika Tikkun. Dit was het 9de jaar dat Belron deelnam aan de Triatlon van Londen. Belron stond trouwens met het grootste bedrijfsteam aan de start van 's werelds grootste triatlon. Het team van Belron zamelde in totaal 729.000 EUR in en overschreed daarmee de doelstelling van 700.000 EUR en het record van 500.000 EUR in 2009.
Het ingezamelde geld zal gebruikt worden om minderbedeelde gemeenschappen in Zuid-Afrika te steunen, en meer specifi ek het gemeenschapscentrum in Alexandra dat in juni 2010 werd geopend. Dit jaar sloten drie jeugdleiders, die werken voor MaAfrika Tikkun in het gemeenschapscentrum in Alexandra (Johannesburg), zich aan bij de deelnemers van Belron.
In 2011 zal Belron verdere inspanningen leveren om het 'Giving Back' programma te ondersteunen in elke businessunit. In samenwerking met het Europese Jaar van het Vrijwilligerswerk 2011 zal Belron vrijwilligerswerk en vaardighedenuitwisselingen blijven aanmoedigen binnen de hele organisatie. Belron is van plan om opnieuw deel te nemen aan de Triatlon van Londen, zelfs met nog meer deelnemers.
Wat de steun aan gemeenschappen betreft, hebben de corporate activiteiten van Avis Europe aanzienlijke vooruitgang geboekt op het vlak van de terbeschikkingstelling van voertuigen voor gemeenschapsdoeleinden en lokale milieuverbetering. Het lokale management kan naar eigen goeddunken beslissen om personeel te steunen dat vrijwilligerswerk verricht en om geld in te zamelen voor goede doelen van hun keuze. In 2010 werden binnen de onderneming dan ook tal van uiteenlopende liefdadigheidsactiviteiten georganiseerd. Enkele voorbeelden: personeelsleden die vrijwillig meeliepen voor Action Against Hunger in Frankrijk of voor een verpleeghuis in het VK, en werknemers die de Fairtrade-vereniging steunden in Italië. Bovendien steunt Avis Europe tal van projecten van UNICEF.
Stijging van de verkopen met 12,5%1 op één jaar, tot een recordniveau van 7,1 miljard EUR.
Courant geconsolideerd resultaat vóór belastingen, groepsaandeel, van 305,4 miljoen EUR, een stijging met 42,6% (+35,5% bij constante consolidatieperimeter, exclusief de netto impact van het verhoogde belang in Belron eind 2009). Dit recordresultaat is het gevolg van de opmerkelijke prestaties in de drie activiteiten:
Stijging van het groepsaandeel in het resultaat van de periode2 met 38,0% tot 218,8 miljoen EUR.
Netto schuld van de groep nagenoeg stabiel op 1,8 miljard EUR.
Voorgesteld bruto dividend: 0,425 EUR per aandeel (2009: 0,325 EUR per aandeel).
Verwacht stabiele of licht stijgende courante geconsolideerde resultaat vóór belastingen, groepsaandeel, in 2011 na een recordjaar 2010.
Stijging van het aandeel van D'Ieteren in de inschrijvingen van nieuwe wagens tot 20,13%, ten opzichte van 19,34% in 2009. Deze stijging valt vooral te verklaren door het verhoogde marktaandeel van Volkswagen, dat profi teerde van het in 2009 gelanceerde herstelplan, en Škoda.
Stijging van de verkopen van nieuwe voertuigen met 14,2% tot 2,2 miljard EUR, met een tendens om kleinere voertuigen te kopen. Stijging van de totale verkopen met 11,4% tot 2,7 miljard EUR.
Courant bedrijfsresultaat van 92,6 miljoen EUR, een stijging met 40,7%, dankzij de stijging van de verkopen en stabiele kosten.
Stijging van het courante resultaat vóór belastingen, groepsaandeel, met 51,3% tot 64,9 miljoen EUR (+76,2% bij constante consolidatieperimeter). > Vooruitzichten 2011 voor de Belgische markt van ongeveer 530.000 inschrijvingen van
De totale verkopen van D'Ieteren Auto bedroegen 2.732,9 miljoen EUR, hetzij een stijging met 11,4% in vergelijking met 2009. Deze stijging valt te verklaren door de opmerkelijk sterke Belgische automarkt in 2010, die een historisch hoogtepunt bereikte, en door de stijging van het marktaandeel van de door D'Ieteren Auto verdeelde merken.
In 2010 werden in België 547.347 nieuwe wagens ingeschreven, een stijging met 14,9% ten opzichte van 2009 en met 2,1% ten opzichte van 2008, het vorige "salonjaar". De markt werd onder meer ondersteund door de CO2 -premies en het herstel van de professionele markt in het tweede semester.
De door D'Ieteren Auto verdeelde merken bereikten een marktaandeel van 20,13% in 2010, het hoogste peil van het voorbije decennium, in vergelijking met 19,34% een jaar eerder. Deze groei valt voornamelijk te verklaren door de vooruitgang van Volkswagen, die de vruchten plukt van het herstelplan dat in 2009 werd gelanceerd en uit acties om de voorraden te verminderen gedurende het eerste semester. Het marktaandeel van Škoda steeg eveneens, vooral dankzij de goede verkoop van de Superb. Audi kende een zeer lichte daling omdat de fabrieken niet volledig konden inspelen op de toegenomen vraag. De voorsprong die Seat in 2009 had in termen van CO2 -emissies, verminderde aanzienlijk.
De markt van de lichte bedrijfsvoertuigen steeg met 3,1% tot 53.343 inschrijvingen. De laattijdige leveringen van het eerste semester werden in het tweede semester opgelost. Het aandeel van D'Ieteren Auto op deze markt steeg tot 9,33% in 2010, in vergelijking met 9,12% in 2009.
Het aantal door D'Ieteren Auto geleverde nieuwe voertuigen, met inbegrip van lichte bedrijfsvoertuigen, bereikte 117.951 eenheden in 2010, een stijging met 18,9% ten opzichte van 2009. De verkopen van nieuwe voertuigen stegen met 14,2% tot 2.204,4 miljoen EUR, aangezien de sterke volumestijging gedeeltelijk gecompenseerd werd door een minder gunstige verkoopmix die te wijten is aan de tendens om kleinere voertuigen te kopen, waarvoor milieupremies worden toegekend.
De verkopen van tweedehandsvoertuigen bereikten 103,9 miljoen EUR, een daling met 11,2%. Deze achteruitgang is het gevolg van de daling van het aantal wagens dat uit vloot van D'Ieteren Lease werd genomen.
De verkopen van wisselstukken en accessoires stegen met 12,2%, tot 167,6 miljoen EUR. Deze sterke stijging is te danken aan een stijging van de prijzen, aan de gunstige invloed van de weersomstandigheden (verkopen van carrosserieonderdelen en banden) en aan de stijging van de verkopen van nieuwe voertuigen (verkopen van accessoires).
De naverkoopactiviteiten van de D'Ieteren Car Centers stegen met 6,0% tot 54,7 miljoen EUR.
D'Ieteren Lease, actief in de langetermijnverhuur van wagens van de door D'Ieteren Auto verdeelde merken, realiseerde een omzet van 141,4 miljoen EUR, een daling met 1,3%.
De verkopen van D'Ieteren Sport,
voornamelijk motorfi etsen, quads en scooters van het merk Yamaha, daalden met 10,9% tot 35,8 miljoen EUR. Dit is het gevolg van een terugval van de markt en een ongunstige yen/ euro wisselkoers. Yamaha behield zijn tweede plaats op een markt met een sterke tendens om kleinere modellen te kopen (van de motorfi ets tot de scooter).
Het courante bedrijfsresultaat bereikte 92,6 miljoen EUR, een stijging met 40,7% in vergelijking met 2009. Deze stijging is voornamelijk toe te schrijven aan de gestegen verkopen van nieuwe voertuigen, wisselstukken en accessoires, en aan stabiele kosten.
De totale netto fi nancieringskosten bedroegen 24,7 miljoen EUR, ten opzichte van 21,7 miljoen EUR een jaar eerder. Zonder aanpassingen van de fi nanciële instrumenten (voornamelijk renteswaps en de herwaardering van de verkoopopties toegekend aan de familiale holding van de CEO van Belron) aan hun reële waarde, bedroegen de courante netto fi nancieringskosten 28,0 miljoen EUR, hetzij 4,9 miljoen EUR meer dan in 2009.
Deze stijging valt te verklaren door een combinatie van de toename van de gemiddelde netto schuld (voornamelijk als gevolg van de verwerving van de participatie van 16,35% van Cobepa in Belron, gedeeltelijk gecompenseerd door de daling van de gemiddelde schuld van D'Ieteren Auto) en van de gemiddelde rentevoet.
Het courante resultaat vóór belastingen van het autodistributie & Corporate segment, groepsaandeel, bedroeg 64,9 miljoen EUR, een stijging met 51,3% op één jaar. Zonder de fi nancieringskosten uit het verhoogde belang in Belron bedroeg de stijging 76,2%.
In 2010 werd met succes een reeks nieuwe modellen gelanceerd. Bij Volkswagen werd op het einde van het jaar het hele 'mid-range' gamma (onder meer de Passat, Touran en Sharan modellen) vernieuwd. Bovendien werden de A7 Sportback en de A1 gelanceerd bij Audi, de Alhambra bij Seat, de Superb Combi bij Škoda en de Boxster Spyder bij Porsche.
Gezien de huidige tendens zou de Belgische automarkt in 2011 530.000 inschrijvingen van nieuwe wagens moeten halen. Op deze markt blijft D'Ieteren Auto zijn doelstelling nastreven om zijn marktaandeel te vergroten. Dit jaar zullen verschillende modellen gelanceerd of vernieuwd worden: de Amarok, de Golf Cabriolet, de New Beetle en de Tiguan bij Volkswagen, en de A6 Berline bij Audi. Bovendien zal Škoda de tweede generatie van het ecologische GreenLine gamma lanceren. Porsche zal dit jaar de hybride versie van zijn Panamera uitbrengen.
Stijging van de externe verkopen met 15,6%, bestaande uit 8,3% organische groei dankzij gunstige weersomstandigheden, sterke relaties met belangrijke partners en bijkomende marketinginvesteringen, 2,4% externe groei en 4,9% als gevolg van wisselkoersschommelingen.
Stijging van het courante bedrijfsresultaat met 18,6%, dankzij de sterke stijging van de verkopen en de kostenbeheersing, en ondanks hogere glaskosten, door bevoorradingstekorten, en reclamekosten, alsook moeilijke omstandigheden op bepaalde markten.
Stijging van het courante resultaat vóór belastingen, groepsaandeel, met 40,5% tot 211,3 miljoen EUR (+23,3% bij constante consolidatieperimeter).
Externe groei voornamelijk in de VS, Turkije en Frankrijk, waar de integratie van overnames nu helemaal afgerond is.
Verdere organische groei van de verkopen verwacht in 2011.
De verkopen stegen met 15,6% tot 2.800,9 miljoen EUR, waarvan 8,3% uit organische groei, 2,4% uit overnames en 4,9% uit wisselkoersschommelingen. De impact uit wis selkoersschommelingen vloeit voort uit de verzwakking van de euro ten opzichte van de meeste andere valuta's, vooral de Amerikaanse dollar, de Australische dollar, de Canadese dollar en de Braziliaanse real. Het totale aantal herstellings- en vervangingsinterventies steeg met 9,3% tot 11,7 miljoen.
14%, na overnames en wisselkoersschommelingen, bestaande uit 11% organische groei, 2% externe groei en een positieve impact van 1% uit wisselkoersschommelingen als gevolg van het sterkere Britse pond. De activiteiten profi teerden van het gunstige winterweer. De stijging van de verkopen was ook het resultaat van meer marketingactiviteiten en van de instandhouding van nauwe relaties met verzekeringsmaatschappijen en vlootbeheerders. De externe groei is voornamelijk toe te schrijven aan overnames in Turkije en Frankrijk tijdens het eerste kwartaal.
met 18%, na overnames en wisselkoersschommelingen. Deze omvatten 5% organische groei, 3% externe groei en een impact van 10% uit wisselkoersschommelingen. De organische groei was matig als gevolg van de ongunstige weersomstandigheden in Canada en de marktomstandigheden in Brazilië. De externe groei is hoofdzakelijk toe te schrijven aan de overname van de herstelling en vervanging van voertuigbeglazing activiteit IGD Industries in de VS, slechts begin oktober 2009 effectief.
In vergelijking met een uitzonderlijk jaar 2009 steeg het courante bedrijfsresultaat tot 255,6 miljoen EUR (2009: 215,5 miljoen EUR) dankzij hogere verkopen over alle geografi sche zones, lagere kosten voor het incentiveplan op lange termijn voor het management en een gunstige wisselkoersimpact, ondanks hogere glaskosten als gevolg van voorraadtekorten, hogere reclamekosten en ongunstige marktomstandigheden in Canada en Brazilië.
De ongebruikelijke kosten vóór belastingen bedroegen 6,4 miljoen EUR en hebben voornamelijk betrekking op de integratie van IGD in de VS en op de recente overname in Frankrijk. De waardeaanpassingen omvatten de af-
In Europa stegen de verkopen met
Buiten Europa stegen de verkopen
schrijving van immateriële vaste activa voortvloeiend uit de overnames en veranderingen in de reële waarde van derivaten.
De netto fi nancieringskosten bedroegen 28,9 miljoen EUR (2009: 27,4 miljoen EUR). Vóór waardeaanpassingen met betrekking tot veranderingen in de reële waarde van derivaten, stegen de courante netto fi nancieringskosten van 28,5 miljoen EUR in 2009 tot 29,0 miljoen EUR dankzij lagere rentevoeten die de impact van een hogere schuldenlast gedeeltelijk compenseerden.
Het courante resultaat vóór belastingen, groepsaandeel, steeg met 40,5% tot 211,3 miljoen EUR (2009: 150,4 miljoen EUR).
In het tweede kwartaal van 2010 betaalde Belron 100 miljoen EUR dividenden uit aan zijn aandeelhouders met betrekking tot de resultaten van 2009, waarvan 93,7 miljoen EUR aan D'Ieteren.
Belron engageert zich om een uitstekende service te verlenen aan al zijn klanten. De groep bleef sterke relaties uitbouwen met zijn verzekerings- en vlootpartners. Deze relaties zijn gebaseerd op de waarde die Belron zijn partners aanbiedt door het promoten van herstelling om een toekomstige vervanging te voorkomen, door op een verantwoordelijke manier te werken en door de klanten een ongeëvenaarde klantendienstervaring te garanderen. In 2010 werden de merken voort ontwikkeld, voornamelijk via reclame op radio en televisie. Daarnaast versterkte Belron zijn aanwezigheid op internet voort, waardoor klanten nu gemakkelijker toegang hebben tot het bedrijf en online afspraken kunnen maken.
Bovendien ontwikkelde en implementeerde het bedrijf nieuwe instrumenten en processen om te garanderen dat het uitgevoerde werk voldoet aan de hoogste standaarden. Dit omvatte de opening van nieuwe distributiecentra in Calgary en Atlanta. Het distributiecentrum in Atlanta is de grootste vestiging van Belron tot nu toe. Dit vervolledigt de aanzienlijke verbetering van de Noord-Amerikaanse distributiecentra, waardoor Belron niet alleen een betere service kan aanbieden aan zijn klanten, maar ook het aantal af te leggen kilometers aanzienlijk kan beperken en de energie-effi ciëntie kan verbeteren.
In het begin van het jaar heeft Belron zijn vroegere Turkse franchisehouder overgenomen, en tegen het einde van het jaar deed Belron zijn intrede op de Russische markt via de overname van de activiteiten voor de herstelling en vervanging van voertuigbeglazing van Mobiscar, de leidinggevende Russische specialist in de herstelling en vervanging van voertuigbeglazing en groothandelaar met 17 servicepunten in vier grote Russische steden, waaronder Moskou en Sint-Petersburg. In de loop van het jaar nam Belron ook ondernemingen in China over met servicepunten in Jinan, Hangzhou, Shenzhen en Dongguan, ter aanvulling van de bestaande vestiging in Qingdao. Elders voltooide Belron verschillende aanvullende overnames en ondertekende het bedrijf een franchiseovereenkomst in Estland. Het bedrijf beëindigde zijn franchiseovereenkomst in de Tsjechische Republiek. Belron is nu aanwezig in 33 landen.
In 2011 wordt een verdere organische groei van de verkopen verwacht. Belron blijft zich engageren om een uitstekende service te verlenen aan zijn klanten en zijn verzekerings- en vlootpartners, alsook om zijn operationele effi ciëntie te verbeteren.
Geleidelijke verbetering van de volumes bij constante perimeter4 .
Stijging van de opbrengst per verhuurdag met 1,6% bij constante wisselkoers.
Verdere nauwgezette kostenbeheersing om volop de vruchten te plukken van de herstructureringsacties in 2009.
Stijging van het vlootgebruik met één punt tot 73,9%.
Aanzienlijke daling van de netto fi nancieringskosten dankzij lagere schuldniveaus en lagere rentevoeten.
Stijging van het courante bedrijfsresultaat met 4,6% tot 108,2 miljoen EUR.
Stijging van het courante resultaat vóór belastingen, groepsaandeel, met 39,7% tot 29,2 miljoen EUR.
De volgende uittreksels werden vertaald uit de persmededeling van Avis Europe plc van 28 februari 2011 (de integrale versie ervan is beschikbaar in het Engels op de website van Avis Europe: www.avis-europe.com).
"De verhuuropbrengsten5 bedroegen 1.200 miljoen EUR, een stijging met 3,3% die voornamelijk de betere prijsprestaties van de fi lialen en de voortzetting van de groei van de Avis licentiehouders weerspiegelt. De verhuuropbrengsten uit de corporate activiteiten bedroegen 1.153,4 miljoen EUR, een stijging met 3,1% bij courante wisselkoers en 2,3% bij constante wisselkoers.
Het aantal gefactureerde verhuurdagen was over het geheel genomen 0,1% lager, en bij constante perimeter4 0,8% hoger. Avis Europe kende over het hele jaar in de meeste landen een verbeterde trend, met een forse stijging van het aantal gefactureerde verhuurdagen tijdens het tweede semester. Dit compenseerde de zwakkere eerste jaarhelft.
Avis Europe verhoogde de opbrengst per verhuurdag met 2,4% bij couran-
te wisselkoers en met 1,6% bij constante wisselkoers, met een bijzonder sterke prestatie in het eerste semester, waarvan ongeveer één punt winst uit one-way verhuren gedurende de aswolkperiode. Avis Europe heeft zijn opbrengst per verhuurdag verhoogd tijdens de zomer, maar sinds augustus ligt het lager, ten gevolge van verlengde verhuurtermijnen voortvloeiend uit het succes van Avis Flex en slechte weersomstandigheden.
De opbrengsten uit de Avis licentiehouders stegen met 4,6% bij constante wisselkoers, met stijgingen in de meeste regio's, en stegen met 13,4% bij courante wisselkoers als gevolg van het omrekeningsvoordeel van gunstige wisselkoersen. De opbrengsten uit de licentiehouders van Budget daalden met 6,8%, met lagere vergoedingen na het overbrengen van Nederland en Duitsland tot de corporate activiteiten, gedeeltelijk gecompenseerd door de verdere groei van de diverse netwerken.
Het courante bedrijfsresultaat was 4,8 miljoen EUR hoger dan in 2009, dankzij de verbetering van de prijs per verhuurdag en de verdere strikte kostenbeheersing. De verkoopkosten bedroegen 665,8 miljoen EUR, 23,6 miljoen EUR of 3,7% hoger dan vorig jaar. De vlootkosten stegen met amper 8,2 miljoen EUR of 2,0%, dankzij de verbetering van het vlootgebruik met één punt. In de loop van het jaar haalde Avis Europe voordeel uit de verdere stabilisering op de markt van de tweedehandswagens om de rotatie van zijn vloot te versnellen na de zomerpiekperiode, waardoor de gemiddelde ouderdom van zijn voertuigen daalde. De overige verkoopkosten waren 15,5 miljoen EUR of 6,4% hoger. Dit weerspiegelt gedeeltelijk de stijging van de brandstofprijs, hogere brandstofverkopen en de hervatting van investeringen in marketingactiviteiten ter ondersteuning van de merken. De 419,1 miljoen EUR administratieve kosten waren 10,2 miljoen EUR of 2,5% hoger dan in 2009. De personeelskosten kwamen 4,6 miljoen EUR of 1,8% hoger uit. Bij constante wisselkoers en zonder rekening te houden met de impact van kosten voor aandelenopties en aanverwante kosten, en van gewone herstructureringskosten, waren de personeelskosten 1,1% lager. Avis Europe bleef de rekrutering nauwgezet onder controle houden. Het gemiddelde personeelsaantal daalde over het jaar met 2,9% tot 5.163. In het eerste kwartaal van het jaar werd ook de loonbevriezing van 2009 voortgezet. De algemene kosten waren iets hoger en weerspiegelden de hogere waardeverminderingen voor vorderingen gezien het economische klimaat, en het omrekeningseffect van de in sterling uitgedrukte kosten van de hoofdzetel.
De courante netto fi nancieringskosten bedroegen 59,5 miljoen EUR, een daling met 8,8 miljoen EUR. Dit weerspiegelt de daling van de courante gemiddelde netto schuld voor het jaar en het voordeel uit lagere rentevoeten, nadat de bestaande indekkingen vervielen. Dit werd gedeeltelijk gecompenseerd door lagere depositorentes op de hogere gemiddelde bruto kasdeposito's. De effectieve kredietrentevoet bedroeg 6,5% (2009: 6,7%) en de depositorente bedroeg 0,5% (2009: 1,2%).
Er werden voor 2010 0,6 miljoen EUR netto ongebruikelijke kosten vóór belastingen geboekt. Bepaalde kosten die in de loop van het jaar verband hielden met de kapitaalverhoging en de herfi nanciering werden geboekt als ongebruikelijke kosten. Deze werden in grote mate gecompenseerd door de winst op de verkoop van een verhuurcontract van een gebouw in het VK. Het jaar voordien werden 21,8 miljoen EUR herstructureringkosten geboekt na de rationalisering van de activiteiten.
In 2010 zag de sector van de autoverhuur een geleidelijke terugkeer van de groei doordat de wereldwijde economische omstandigheden zich stabiliseerden, zij het met een aantal onvoorziene onderbrekingen van de reisactiviteit in de loop van het jaar. Zo kon Avis Europe zich blijven focussen op verdere verbeteringen van de tarifering, gecombineerd met een nauwgezette kosten- en kapitaalbeheersing. Tegelijkertijd investeerde Avis Europe in toekomstige groeiopportuniteiten, en meer bepaald in zijn verdere expansie in China, en in de lancering van nieuwe mobiliteitsoplossingen voor de klanten.
Dankzij het marktherstel en eigen acties om zijn marktaandeel te verhogen, kende Avis Europe in de loop van het jaar een geleidelijke verbetering van de volumes in zijn corporate activiteiten, met een aantal gefactureerde verhuurdagen dat positief evolueerde tijdens het tweede semester. Dit leidde voor heel het jaar tot een stijging met 0,8% bij constante perimeter4. De betere macro-economische omgeving, de geografi sche diversifi catie, het merkleiderschap en de differentiatie van de dienstverlening waren allemaal elementen die bijdroegen tot deze prestaties.
Avis Europe bleef het vlootniveau nauwgezet besturen door voort te bouwen op gedane investeringen in revenue management, en probeerde de klantenmix te optimaliseren. Al deze acties droegen bij tot de verbetering van de opbrengst per verhuurdag met 1,6% bij constante wisselkoers.
Na de aanzienlijke verlaging van de
vaste kosten in 2009, focuste Avis Europe zich verder op een nauwgezette beheersing van alle kosten. De sterke focus op de vlootkosten blijft van toepassing en Avis Europe is momenteel een nieuw systeem aan het implementeren om de detentiekosten te verlagen door de rotatie van de vloot verder te optimaliseren. Avis Europe heeft het vlootgebruik met 100 basispunten verder verbeterd tot 73,9%, bovenop de aanzienlijke verbetering met 390 basispunten die al in 2009 werd gerealiseerd.
Met zijn 2-merkenstrategie en zijn wereldwijde reikwijdte is het bedrijf uitstekend geplaatst om de groei te bevorderen en te profi teren van het verbeterde economische klimaat op het merendeel van zijn belangrijkste markten. Hoewel het zicht op de markten beperkt blijft, vooral in Spanje, verwacht Avis Europe dat de globale volumes verder zullen toenemen en zal het bedrijf blijven proberen om zijn prijzen te verbeteren.
Ook de kosten- en kapitaalbeheersing blijft cruciaal en Avis Europe blijft zich inzetten om het vlootgebruik steeds te verbeteren. Bovendien zullen de netto fi nancieringskosten op jaarbasis dalen, dankzij de cashfl owprestaties en het effect van de kapitaalverhoging over een heel jaar. Avis Europe verwacht daarom dat zijn courante marge vóór belastingen in 2011 zal blijven stijgen.
Naast de focus op zijn traditionele kernmarkten, die profi teren van de sterkte van de merken Avis en Budget en van de grote aandacht voor de kwaliteit van de dienstverlening, zal Avis Europe ook blijven investeren in groeiopportuniteiten – meer bepaald in de verdere expansie in China en op andere snelgroeiende markten – en zal het bedrijf blijven innoveren door nieuwe mobiliteitsoplossingen aan te
bieden aan de klanten. De Raad van Bestuur van Avis Europe heeft het volste vertrouwen in de verdere groei in het komende jaar."
Einde van de uittreksels.
De drie activiteiten van de Groep D'Ieteren worden op autonome en onafhankelijke wijze gefi nancierd.
De netto schuld van de pool D'Ieteren Auto / Corporate daalde licht van 570,5 miljoen EUR tot 555,1 miljoen EUR, en dit ondanks de intekening van D'Ieteren op de kapitaalverhoging van Avis Europe voor het geheel van zijn rechten, hetzij 111 miljoen EUR.
De netto schuld van Belron steeg van 449,4 miljoen EUR tot 736,8 miljoen EUR, voornamelijk als gevolg van de betaling van het dividend, de betaling van het incentiveplan op lange termijn voor het management voor de periode van 2005 tot 2009, en de overnames. In het begin van 2011 ging Belron een nieuwe lening ten belope van 250 miljoen USD aan bij Amerikaanse institutionele beleggers (vervaldata in 2018, 2021 en 2023).
Avis Europe voerde een kapitaalverhoging door ten belope van 150 miljoen GBP, na aftrek van kosten, in combinatie met de herfi nanciering van zijn revolving bankkrediet van 375 miljoen EUR. Samen met de in de loop van het jaar gegenereerde cashfl ow resulteerde dit in een daling van de netto schuld met 219,2 miljoen EUR tot 531,1 miljoen EUR.
Rekening houdend met de vooruitzichten in de drie activiteiten en behoudens onverwachte gebeurtenissen verwacht D'Ieteren een stabiel of licht stijgend courant geconsolideerde resultaat vóór belastingen, groepsaandeel, na een recordjaar 2010.
94 Toelichting 19: Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten
95 Toelichting 20: Activa en verplichtingen uit hoofde van langetermijnpersoneelsbeloningen
Jaar afgesloten op 31 december
| in miljoen EUR | Toelichting | 2010 | 2009 | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Courante elementen(1) |
Onge- bruikelijke elementen en waarde- aanpas- singen(1) |
Totaal | Courante elementen(1) |
Onge- bruikelijke elementen en waarde- aanpas- singen(1) |
Totaal | ||
| Verkopen | 4 | 7.053,6 | - | 7.053,6 | 6.269,7 | - | 6.269,7 |
| Kosten van verkopen | -4.821,7 | 1,2 | -4.820,5 | -4.249,0 | 8,4 | -4.240,6 | |
| Bruto marge | 2.231,9 | 1,2 | 2.233,1 | 2.020,7 | 8,4 | 2.029,1 | |
| Commerciële en administratieve kosten | -1.762,5 | -22,4 | -1.784,9 | -1.618,6 | -23,8 | -1.642,4 | |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 0,6 | 4,8 | 5,4 | 0,7 | 0,1 | 0,8 | |
| Overige bedrijfskosten | -13,6 | -20,0 | -33,6 | -18,1 | -39,6 | -57,7 | |
| Bedrijfsresultaat | 5 | 456,4 | -36,4 | 420,0 | 384,7 | -54,9 | 329,8 |
| Netto financieringskosten | 6 | -116,5 | 4,6 | -111,9 | -119,9 | 5,3 | -114,6 |
| Resultaat vóór belastingen | 9 | 339,9 | -31,8 | 308,1 | 264,8 | -49,6 | 215,2 |
| Aandeel in het resultaat van entiteiten verwerkt volgens de "equity"-methode |
7 | 2,8 | - | 2,8 | 0,8 | - | 0,8 |
| Belastingen | 8 | -86,3 | 11,6 | -74,7 | -44,0 | 11,0 | -33,0 |
| Resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 256,4 | -20,2 | 236,2 | 221,6 | -38,6 | 183,0 | |
| Beëindigde bedrijfsactiviteiten | - | - | - | - | - | - | |
| RESULTAAT VAN DE PERIODE | 256,4 | -20,2 | 236,2 | 221,6 | -38,6 | 183,0 | |
| Resultaat toerekenbaar aan: | |||||||
| Houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij |
9 | 234,2 | -15,4 | 218,8 | 182,8 | -24,3 | 158,5 |
| Belangen zonder zeggenschap | 22,2 | -4,8 | 17,4 | 38,8 | -14,3 | 24,5 | |
| Resultaat per aandeel voor het resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij |
|||||||
| Gewoon (in EUR) | 10 | 4,26 | -0,29 | 3,97 | 3,33 | -0,44 | 2,89 |
| Verwaterd (in EUR) | 10 | 4,23 | -0,28 | 3,95 | 3,32 | -0,44 | 2,88 |
(1) Zie samenvatting van de specifieke grondslagen voor financiële verslaggeving in toelichting 2 en ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen in toelichting 9.
Jaar afgesloten op 31 december
| in miljoen EUR | Toelichting | 2010 | 2009 |
|---|---|---|---|
| Resultaat van de periode | 236,2 | 183,0 | |
| Niet-gerealiseerde resultaten | |||
| Actuariële winsten (verliezen) op verplichtingen uit hoofde van personeelsbeloningen | 20 | 22,6 | -32,8 |
| Omrekeningsverschillen | 10,7 | 11,8 | |
| Reële waarde van voor handelsdoeleinden aangehouden financiële instrumenten | 0,1 | - | |
| Kasstroomafdekkingen: winsten (verliezen) voortvloeiend uit een verandering in de reële waarde opgenomen in eigen vermogen |
-9,4 | -4,8 | |
| Kasstroomafdekkingen: overgebracht naar de winst- en verliesrekening | 10,0 | 2,6 | |
| Op aandelen gebaseerde betalingen | 2,7 | 0,9 | |
| Belastingen met betrekking tot actuariële winsten (verliezen) op verplichtingen uit hoofde van personeelsbeloningen |
-8,6 | 8,9 | |
| Belastingen met betrekking tot omrekeningsverschillen | 3,3 | 1,0 | |
| Belastingen met betrekking tot kasstroomafdekkingen | -0,8 | 0,8 | |
| Belastingen met betrekking tot op aandelen gebaseerde betalingen | 1,2 | - | |
| Subtotaal | 31,8 | -11,6 | |
| Totaal van de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten van de periode | 268,0 | 171,4 | |
| zijnde: toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij | 241,3 | 150,1 | |
| toerekenbaar aan belangen zonder zeggenschap | 26,7 | 21,3 |
| in miljoen EUR | Toelichting | 2010 | 2009 |
|---|---|---|---|
| Goodwill | 11 | 1.004,6 | 939,8 |
| Overige immateriële vaste activa | 13 | 792,2 | 776,2 |
| Voertuigen | 14 | 658,3 | 671,9 |
| Overige materiële vaste activa | 15 | 475,4 | 419,1 |
| Vastgoedbeleggingen | 16 | 5,8 | 6,3 |
| Entiteiten verwerkt volgens de "equity"-methode | 7 | 20,3 | 15,5 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa | 17 | 1,2 | 1,0 |
| Voor afdekking aangehouden derivaten | 18 | 4,8 | - |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten | 19 | 2,2 | 1,9 |
| Activa uit hoofde van langetermijnpersoneelsbeloningen | 20 | 39,2 | 14,6 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 21 | 92,3 | 98,1 |
| Overige vorderingen | 22 | 4,0 | 3,5 |
| Vaste activa | 3.100,3 | 2.947,9 | |
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | 23 | 1,7 | - |
| Voorraden | 24 | 551,4 | 467,6 |
| Voor afdekking aangehouden derivaten | 18 | 0,1 | 0,8 |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten | 19 | 19,7 | 19,0 |
| Andere financiële activa | 25 | 25,9 | 25,9 |
| Actuele belastingvorderingen | 26 | 5,9 | 2,3 |
| Handelsvorderingen en overige vorderingen | 27 | 1.384,9 | 1.295,4 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 28 | 267,2 | 348,2 |
| Vlottende activa | 2.256,8 | 2.159,2 | |
| TOTAAL ACTIVA | 5.357,1 | 5.107,1 | |
| Geplaatst kapitaal en reserves die aan houders van eigen-vermogensinstrumenten toerekenbaar zijn |
1.250,6 | 1.028,5 | |
| Belangen zonder zeggenschap | 214,1 | 126,1 | |
| Eigen vermogen | 1.464,7 | 1.154,6 | |
| Verplichtingen uit hoofde van langetermijnpersoneelsbeloningen | 20 | 110,1 | 127,6 |
| Overige voorzieningen | 30 | 96,1 | 62,8 |
| Voor afdekking aangehouden derivaten | 18 | 17,3 | 41,8 |
| Leningen | 31/32 | 1.738,6 | 1.543,8 |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten | 19 | 0,1 | 0,3 |
| Verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap | 33 | 163,0 | 113,0 |
| Andere schulden | 34 | 13,3 | 6,1 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 21 | 156,6 | 147,5 |
| Langlopende verplichtingen | 2.295,1 | 2.042,9 | |
| Voorzieningen | 30 | 25,3 | 222,1 |
| Voor afdekking aangehouden derivaten | 18 | 12,9 | 20,9 |
| Leningen | 31/32 | 356,2 | 549,2 |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten | 19 | 24,6 | 35,7 |
| Actuele belastingverplichtingen | 26 | 60,7 | 87,9 |
| Handelsschulden en overige te betalen posten | 35 | 1.117,6 | 993,8 |
| Kortlopende verplichtingen | 1.597,3 | 1.909,6 | |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 5.357,1 | 5.107,1 |
| in miljoen EUR | Geplaatst kapitaal en reserves die aan houders van eigen-vermogensinstrumenten toerekenbaar zijn | Totaal Belangen | Eigen | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Gewoon | Uitgifte- | Eigen | Reserve | Reële Hedging | Over- | Actuariële | Belas- | Cumu- | groeps- | zonder | ver- | ||
| aandelen- | premies | aan- | voor op waarde | reserve | gedragen | winsten | tingen | latieve | aandeel | zeggen- | mogen | ||
| kapitaal | delen | aandelen reserve | resultaat | en | omreke- | schap | |||||||
| gebaseerde | verliezen | nings- | |||||||||||
| betalingen | verschillen | ||||||||||||
| Op 1 januari 2009 | 160,0 | 24,4 | -19,0 | 1,8 | 0,1 | -1,4 | 789,3 | -33,7 | 13,2 | -38,6 | 896,1 | 134,7 1.030,8 | |
| Eigen aandelen | - | - | -1,2 | - | - | - | - | - | - | - | -1,2 | -0,8 | -2,0 |
| Dividend 2008 betaald in 2009 | - | - | - | - | - | - | -16,5 | - | - | - | -16,5 | -22,1 | -38,6 |
| Verkoopopties behandeling - verandering van de periode |
- | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | -5,6 | -5,6 |
| Overige wijzigingen | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | -1,4 | -1,4 |
| Totaal van de gerealiseerde en niet gerealiseerde resultaten |
- | - | - | 0,8 | - | -1,7 | 158,5 | -23,3 | 7,3 | 8,5 | 150,1 | 21,3 | 171,4 |
| Op 31 december 2009 | 160,0 | 24,4 | -20,2 | 2,6 | 0,1 | -3,1 | 931,3 | -57,0 | 20,5 | -30,1 | 1.028,5 | 126,1 1.154,6 | |
| Eigen aandelen | - | - | 4,6 | - | - | - | - | - | - | - | 4,6 | - | 4,6 |
| Dividend 2009 betaald in 2010 | - | - | - | - | - | - | -17,9 | - | - | - | -17,9 | -6,3 | -24,2 |
| Verkoopopties behandeling - verandering van de periode |
- | - | - | - | - | - | -2,6 | - | - | - | -2,6 | -3,8 | -6,4 |
| Overige wijzigingen | - | - | - | - | - | - | -3,3 | - | - | - | -3,3 | 71,4 | 68,1 |
| Totaal van de gerealiseerde en niet gerealiseerde resultaten |
- | - | - | 1,9 | - | -0,2 | 218,8 | 18,6 | -4,6 | 6,8 | 241,3 | 26,7 | 268,0 |
| Op 31 december 2010 | 160,0 | 24,4 | -15,6 | 4,5 | 0,1 | -3,3 | 1.126,3 | -38,4 | 15,9 | -23,3 | 1.250,6 | 214,1 1.464,7 |
Jaar afgesloten op 31 december
| in miljoen EUR | Toelichting | 2010 | 2009 |
|---|---|---|---|
| Kasstroom uit de bedrijfsactiviteiten | |||
| Bedrijfsresultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 420,0 | 329,8 | |
| Afschrijvingen van voertuigen voor activiteiten van rent-a-car en operationele leases | 5 | 166,8 | 184,8 |
| Afschrijvingen van overige vaste elementen | 5 | 93,4 | 83,4 |
| Afschrijving van Avis-licentierechten | 9 | 13,7 | 13,7 |
| Afschrijvingen van overige immateriële vaste activa | 5 | 31,6 | 27,5 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill en overige vaste activa | - | 0,6 | |
| Niet-geldelijke operationele leasingkosten op "buy-back" overeenkomsten | 5 | 143,4 | 135,7 |
| Overige niet-geldelijke posten | 9 | -164,5 | 47,0 |
| Pensioenverplichtingen | -29,4 | -28,6 | |
| Overige geldelijke posten | -1,1 | 1,8 | |
| Netto ontvangsten/(betalingen) ivm voertuigen aangekocht met een "buy-back" overeenkomst | -99,7 | 132,8 | |
| Aanschaffingen van voertuigen voor activiteiten van rent-a-car en operationele leases (2) | -537,2 | -447,1 | |
| Verkopen van voertuigen voor activiteiten van rent-a-car en operationele leases (2) | 431,9 | 370,7 | |
| Wijziging in de behoefte aan bedrijfskapitaal | -40,5 | 201,1 | |
| Kasstroom uit de bedrijfsactiviteiten | 428,4 | 1.053,2 | |
| Betaalde belastingen | -93,7 | -36,2 | |
| Netto kasstroom uit de bedrijfsactiviteiten | 334,7 | 1.017,0 | |
| Kasstroom uit de investeringsactiviteiten | |||
| Aanschaffingen van materiële vaste activa (excl. voertuigen) | -147,7 | -115,6 | |
| Verkopen van materiële vaste activa (excl. voertuigen) | 3,6 | 3,7 | |
| Netto investering in immateriële en materiële vaste activa | -144,1 | -111,9 | |
| Verwerving van belangen van aandeelhouders zonder zeggenschap | 9 | -0,3 | -275,1 |
| Verwerving van dochterondernemingen | 9/12 | -29,9 | -16,7 |
| Vervreemding van belangen van aandeelhouders zonder zeggenschap | 9 | 16,6 | - |
| Netto investering in overige financiële activa | 25 | -2,5 | 21,2 |
| Netto kasstroom uit de investeringsactiviteiten | -160,2 | -382,5 | |
| Kasstroom uit de financieringsactiviteiten | |||
| Contante netto ontvangsten uit de uitgifte van eigen-vermogensinstrumenten | 69,3 | - | |
| Netto aanschaffingen van eigen aandelen | 3,3 | -3,4 | |
| Terugbetaling van financiële leases verplichtingen | -70,8 | -68,0 | |
| Netto verandering in andere leningen | -116,1 | -157,4 | |
| Netto betaalde interesten | -117,4 | -120,7 | |
| Door de moedermaatschappij betaalde dividenden | 29 | -17,9 | -16,5 |
| Door dochterondernemingen ontvangende/(betaalde) dividenden | -6,0 | -22,1 | |
| Netto kasstroom uit de financieringsactiviteiten | -255,6 | -388,1 | |
| TOTALE KASSTROOM VAN DE PERIODE | -81,1 | 246,4 | |
| Reconciliatie met de balans | |||
| Geldmiddelen aan het begin van het boekjaar | 28 | 91,5 | 68,8 |
| Kasequivalenten aan het begin van het boekjaar | 28 | 256,7 | 29,1 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten aan het begin van het boekjaar | 28 | 348,2 | 97,9 |
| Totale kasstroom van de periode | -81,1 | 246,4 | |
| Omrekeningsverschillen | 0,1 | 3,9 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten aan het einde van het boekjaar | 28 | 267,2 | 348,2 |
(1) Exclusief voertuigen met een "buy-back" overeenkomst.
s.a. D'Ieteren n.v. (genoemd in het jaarverslag de "Vennootschap" of de "moedermaatschappij") is in België als naamloze vennootschap erkend, waarvan de besturende aandeelhouders in toelichting 29 van dit jaarverslag worden opgesomd. Het adres van de zetel van de Vennootschap is: Maliestraat 50
B-1050 Brussel
De Vennootschap en haar dochterondernemingen (samen "de groep") vormen een internationale groep, met drie activiteiten ten dienste van de automobilist:
De groep opereert in ongeveer 120 landen op 5 continenten en staat ten dienste van meer dan 19 miljoen klanten.
De Vennootschap is op Euronext Brussel genoteerd.
De geconsolideerde jaarrekening werd goedgekeurd voor publicatie door de Raad van bestuur op 28 februari 2011.
De aandeelhouders van de Vennootschap hebben de macht de geconsolideerde jaarrekening te wijzigen na publicatie op de jaarlijkse Algemene Vergadering van de aandeelhouders, die op 26 mei 2011 zal plaatsvinden.
De geconsolideerde jaarrekening voor 2010 dekt de periode van 12 maanden afgesloten op 31 december 2010. Ze is opgesteld volgens de "International Financial Reporting Standards" ("IFRS") en de bijhorende "International Financial Reporting Interpretations Committee" ("IFRIC") interpretaties gepubliceerd en effectief (of gepubliceerd en vervroegd aangewend) op 31 december 2010 die werden goedgekeurd door de Europese Unie ("EU"). Ze komen overeen met de normen en interpretaties gepubliceerd door de "International Accounting Standards Board" ("IASB") die van kracht waren op 31 december 2010.
De belangrijkste grondslagen toegepast in de voorbereiding van deze geconsolideerde jaarrekening worden in toelichting 2.2 beschreven. Die grondslagen werden op constante wijze toegepast op alle voorgestelde periodes, tenzij anders aangegeven.
De geconsolideerde jaarrekening werd opgesteld overeenkomstig het principe van de historische kost, behalve voor de voor verkoop beschikbare financiële activa, geldmarkt activa weergegeven als geldmiddelen en kasequivalenten en derivaten die op reële waarde werden gewaardeerd.
De geconsolideerde jaarrekening wordt opgesteld op basis van het toerekeningsbeginsel, en op basis van de voortzetting van de bedrijfsactiviteiten in een voorzienbare horizon.
De voorbereiding van de geconsolideerde jaarrekening vergt, van de directie, de opstelling van ramingen en het gebruik van hypothesen die het bedrag van de opbrengsten, de uitgaven, de activa en de passiva, alsook de latente activa en passiva, op balansdatum beïnvloeden. Indien dergelijke ramingen of hypothesen die op het ogenblik gebaseerd zijn op het beste oordeel van het management, veranderd zouden moeten worden om nieuwe omstandigheden te weerspiegelen, zullen de gevolgen van die wijzigingen in rekening worden genomen tijdens het boekjaar waarin de omstandigheden zich voordoen. De domeinen die een hoog beoordelingsniveau van de directie vergen of die bijzonder ingewikkeld zijn, alsook de domeinen waarvoor de ramingen en hypothesen belangrijke gevolgen zouden kunnen hebben op de geconsolideerde jaarrekening, worden in voorkomende gevallen in de toelichtingen vermeld.
De volgende nieuwe normen, wijzigingen van normen en interpretaties zijn voor de eerste keer verplicht toepasbaar op het boekjaar dat op 1 januari 2010 begonnen is:
Op 20 december 2010 heeft de Buitengewone Algemene Vergadering het voorstel van de Raad van bestuur goedgekeurd om de gewone aandelen en de winstaandelen in tien te splitsen en dit door omruiling. Het aantal gewone aandelen en winstaandelen uitgegeven door de moedermaatschappij bedraagt respectievelijk 55.302.620 en 5.000.000 na deze splitsing (toepasbaar op 27 december 2010). Zoals vereist door de IAS-norm 33 werden het gewone resultaat en het verwaterde resultaat per aandeel voor de periode afgesloten op 31 december 2009 herzien. Ze werden in tien gedeeld om deze splitsing te weerspiegelen. Die herziening heeft geen aandere gevolgen gehad.
De normen, wijzigingen en interpretaties van bestaande normen die werden gepubliceerd door de IASB en die op de boekjaren die op of na 1 januari 2011 beginnen verplicht toepasbaar zullen zijn, maar die de groep niet vervroegd heeft aangewend, zijn de volgende:
De groep bepaalt momenteel wat de gevolgen van de invoering van de hierboven vermelde wijzigingen zouden kunnen zijn.
De ramingen van de bedragen uitgegeven in de "Interim Financial Report" werden niet aanmerkelijk gewijzigd gedurende de finale interimperiode van het financiële boekjaar.
Dochterondernemingen, dit zijn bedrijfseenheden waarin de groep rechtstreeks of onrechtstreeks een belang van meer dan de helft van de stemrechten heeft of anderzijds de bevoegdheid heeft om controle uit te oefenen over de bedrijfsactiviteiten, worden geconsolideerd. De dochterondernemingen worden geconsolideerd vanaf de datum waarop de controle wordt overgedragen aan de groep en worden niet langer geconsolideerd vanaf de datum waarop de controle ophoudt. Alle intragroep transacties en -saldi, inclusief niet gerealiseerde winsten op intragroep transacties, worden geëlimineerd in de consolidatie. Een verandering in het eigendomsbelang van een dochteronderneming met geen controleverlies wordt geboekt als een "equity"-transactie.
Op deelnemingen in geassocieerde ondernemingen wordt de "equity"-methode toegepast en worden aanvankelijk tegen kostprijs opgenomen. Het gaat om ondernemingen waarin de groep doorgaans 20% tot 50% van de stemrechten heeft of waarop de groep een aanzienlijke invloed heeft, maar die hij niet controleert. Niet gerealiseerde winsten op transacties tussen de groep en haar geassocieerde ondernemingen worden geëlimineerd naar rata van het belang van de groep in de geassocieerde ondernemingen; niet gerealiseerde verliezen worden eveneens geëlimineerd. De deelneming van de groep in geassocieerde ondernemingen omvat de goodwill op de overname. Het groepsaandeel in het resultaat van de geassocieerde onderneming is gelijk aan het groepsaandeel in het resultaat na belastingen van die onderneming. De "equity"-methode wordt niet meer toegepast wanneer de boekwaarde van de deelneming in een geassocieerde onderneming nul wordt, tenzij de groep verplichtingen is aangegaan of gegarandeerd heeft met betrekking tot de geassocieerde onderneming.
Op belangen in joint ventures wordt de "equity"-methode toegepast. De bovenvermelde principes in verband met geassocieerde ondernemingen zijn eveneens van toepassing op joint ventures.
De consolidatie van de groep wordt opgemaakt in euro. De winst- en verliesrekeningen van buitenlandse entiteiten worden omgerekend naar euro tegen de gewogen gemiddelde wisselkoersen voor de periode en de balansen worden omgerekend in euro tegen de wisselkoersen die gelden op de balansdatum. De goodwill en de aanpassingen aan de reële waarde bij overname van een buitenlandse entiteit worden behandeld als activa en passiva uitgedrukt in de valuta van de buitenlandse entiteit en worden omgerekend tegen de wisselkoers op de balansdatum.
Transacties in vreemde valuta worden geboekt tegen de wisselkoers die geldt op de datum van de transactie. Winsten en verliezen die resulteren uit de vereffening van dergelijke transacties en uit de omrekening van in deviezen uitgedrukte monetaire activa en passiva worden geboekt in de winst- en verliesrekening. Wisselkoersverschillen voortvloeiend uit de omrekening tegen de wisselkoersen die gelden op de balansdatum van de netto investering van de groep in dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen, en bepaalde intragroepleningen, worden opgenomen in omrekeningsverschillen in eigen vermogen. De definitie van de netto investering houdt rekening met de leningen tussen dochterondernemingen en bepaalde in vreemde valuta luidende intragroepelementen. Overige wisselkoersverschillen worden geboekt in de winst- en verliesrekening.
Waar de groep netto investeringen in buitenlandse entiteiten dekt, worden de winsten en verliezen ivm het effectieve deel van het dekkingsinstrument opgenomen in omrekeningsverschillen in eigen vermogen. De winst of het verlies ivm ineffectieve delen wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening. Cumulatieve winsten en verliezen in eigen vermogen worden opgenomen in de winsten verliesrekening wanneer de buitenlandse entiteit wordt verkocht.
De groep past de IFRS-norm 3 (herziene versie) toe voor de bedrijfscombinaties sinds 1 januari 2010. Bedrijfscombinaties worden verwerkt door de overnamemethode ("acquisition method") toe te passen. De overnamekost wordt gewaardeerd tegen het totaal van de overgedragen vergoeding, die tegen de reële waarde op de overnamedatum wordt gewaardeerd, en het bedrag van enig minderheidsbelang in de overgenomen partij. Voor elke bedrijfscombinatie waardeert de overnemende partij enig minderheidsbelang in de overgenomen partij tegen reële waarde of tegen het evenredige deel in de identificeerbare nettoactiva van de overgenomen partij. De reeds gemaakte overnamekosten worden als lasten verwerkt. Het overschot van het totaal van de overgedragen vergoedingen en het bedrag dat als enig minderheidsbelang wordt opgenomen van het nettosaldo van de verworven identificeerbare activa en de overgenomen verplichtingen vormt een goodwill en wordt als een actief opgenomen. Indien het overschot negatief is, wordt het onmiddelijk in de winst- en verliesrekening opgenomen. Na de eerste opname wordt goodwill gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met eventuele gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen. Enige betaalbare voorwaardelijke verplichting wordt tegen reële waarde geboekt op de overnamedatum. Als de voorwaardelijke vergoeding als eigen vermogen wordt beschouwd, wordt het niet geherwaardeerd en de afwikkeling ervan wordt verwerkt binnen het eigen vermogen. Indien dat niet het geval is, worden latere veranderingen in de rëele waarde van de voorwaardelijke vergoeding in de winst- en verliesrekening opgenomen.
Bedrijfscombinaties in de periode vóór 1 januari 2010 werden verwerkt door de overnamemethode ("purchase method") toe te passen. Het overschot van de kostprijs van de bedrijfscombinatie op het belang van de overnemende partij in de netto reële waarde van de identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen, opgenomen overeenkomstig IFRS 3, was een goodwill en werd geactiveerd. Transactiekosten rechtstreeks toerekenbaar aan de overnames werden als deel van de overnamekost geactiveerd.
Een immaterieel vast actief wordt geboekt tegen kostprijs verminderd met de eventuele gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen.
De kosten voor de ontwikkeling of de instandhouding van computersoftware worden gewoonlijk in het resultaat opgenomen in de periode waarin ze worden gemaakt. De kosten direct verbonden met bepaalde en unieke computersoftware, die door de groep gecontroleerd worden, en waarvan de waarschijnlijke toekomstige economische opbrengsten hoger zijn dan de kosten over een periode van meer dan één jaar, worden echter als immateriële vaste activa erkend.
De immateriële activa met een beperkte gebruiksduur worden afgeschreven over hun gebruiksduur volgens de volgende methodes: - computersoftware: lineair over 2 tot 7 jaar;
Wanneer merken verondersteld worden positieve kasstromen te zullen generen tijdens een beperkte periode worden die merken afgeschreven over hun resterende gebruiksduur.
De merken CARGLASS® en AUTOGLASS® , aangeschaft in 1999, alsook GLASPRO™, SPEEDY GLASS® , APPLE AUTO GLASS® en WINDSHIELD PROS™ aangeschaft in 2005, alsook SAFELITE® AUTO GLASS aangeschaft in 2007, hebben onbepaalde gebruiksduren, aangezien er geen voorzienbare limiet bestaat aan de periode waarin die activa verondersteld worden positieve kasstromen te zullen genereren voor de groep. Ze worden derhalve niet afgeschreven maar worden jaarlijks getest op bijzondere waardeverminderingsverliezen.
Voor om het even welk immaterieel actief met een beperkte of onbepaalde gebruiksduur, waarvoor er een indicatie van waardevermindering bestaat, wordt zijn boekwaarde geëvalueerd en, desnoods, onmiddellijk teruggebracht tot zijn realiseerbare waarde.
Uitgaven voor onderzoek (of voor de onderzoeksfase van een intern project) worden als last opgenomen op het moment dat ze ontstaan.
Een immaterieel actief dat voortvloeit uit de ontwikkeling (of uit de ontwikkelingsfase van een intern project) wordt alleen opgenomen als en slechts als alle navolgende punten aangetoond kunnen worden:
(a) de technische uitvoerbaarheid om het immateriële actief te voltooien, zodat het beschikbaar zal zijn voor gebruik of verkoop;
Een materieel vast actief wordt bij opname tegen kostprijs gewaardeerd. De kostprijs van een materieel vast actief omvat de aankoopprijs (met inbegrip van invoerrechten en niet-restitueerbare omzetbelasting, na aftrek van handels- en andere kortingen), alsook alle rechtstreeks toerekenbare kosten om het actief op de locatie en in de staat te krijgen die noodzakelijk is om te functioneren. De eerste schatting van de kosten van ontmanteling en verwijdering van het actief, en van het herstel van het terrein waar het actief zich bevindt wordt, indien toepasbaar, ook opgenomen in de kost van het actief. Na de opname als actief, wordt een materieel vast actief gewaardeerd tegen zijn kostprijs, verminderd met eventuele cumulatieve afschrijvingen en eventuele cumulatieve bijzondere waardeverminderingsverliezen. Het af te schrijven bedrag van een actief wordt lineair verdeeld over de gebruiksduur.
De voornaamste afschrijvingsperiodes zijn de volgende:
De lineaire afschrijving op de voertuigen in vloot is gebaseerd op de aankoopprijs van de voertuigen, de schatting van hun toekomstige restwaarde en hun voorziene bezitperiode.
Als de boekwaarde van een materieel vast actief groter is dan de geschatte realiseerbare waarde van het actief, wordt die onmiddellijk teruggebracht tot de realiseerbare waarde.
Activa die worden verhuurd krachtens een operationele lease (met uitzondering van de voertuigen verkocht met een "buy-back" overeenkomst), worden in de balans opgenomen onder materiële vaste activa. Zij worden afgeschreven over hun verwachte gebruiksduur. De huurinkomsten worden lineair geboekt over de leasingtermijn.
Leasebetalingen onder een operationele lease worden lineair als lasten opgenomen over de leaseperiode.
Lease-overeenkomsten betreffende materiële vaste activa waarbij de groep alle wezenlijke risico's en voordelen van de eigendom draagt, worden als "financiële leases" beschouwd. Financiële leases worden in de balans opgenomen tegen bedragen die op het tijdstip van het aangaan van de leaseovereenkomst gelijk zijn aan de reële waarde van de geleasde eigendom of, indien ze lager zijn, aan de contante waarde van de minimale leasebetalingen. Leasebetalingen moeten worden verdeeld tussen de financieringskosten en de uitstaande verplichting zodat zij resulteren in een constante periodieke rentevoet op het resterende saldo van de verplichting voor elke periode. De uitstaande verplichtingen, exclusief financieringskosten, worden opgenomen onder de leningen. Het interestdeel van de financiële kosten wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening gedurende de leaseperiode. De geleasde activa worden afgeschreven over hun verwachte gebruiksduur volgens afschrijvingsgrondslagen die ook worden gebruikt voor andere activa in eigendom. Indien het niet redelijk zeker is dat de groep tegen het einde van de leaseperiode het eigendom zal verkrijgen, wordt het actief volledig afgeschreven over de leaseperiode of over de gebruiksduur, indien deze korter is.
Voertuigen verkocht met een "buy-back" overeenkomst worden geboekt als operationele leases (met de groep als lessor) en worden opgenomen onder de voorraden in de balans. Het verschil tussen de verkoopprijs en de terugkoopwaarde ("buy-back" verbintenis) wordt geboekt als uitgestelde opbrengst, terwijl de terugkoopwaarde onder de leveranciers wordt geboekt.
Voertuigen gekocht met een "buy-back" overeenkomst worden niet als actief erkend aangezien die transacties als operationele leases worden geboekt (met de groep als lessee). Het verschil tussen de aankoopprijs en de terugkoopwaarde (terugkoopobligatie door de leverancier) wordt geboekt als uitgestelde last, terwijl een handelsvordering wordt erkend voor de verkoopprijs.
Vastgoedbeleggingen worden gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met de gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen.
Voorraden moeten worden gewaardeerd tegen de laagste waarde van de kostprijs of de opbrengstwaarde. De kostprijs van voorraden omvat alle inkoopkosten, conversiekosten en andere kosten die voortvloeien uit het transport van de voorraden naar hun huidige locatie en de verwerking van de voorraden tot hun huidige toestand. De kostprijs van voorraadbestanddelen die niet onderling uitwisselbaar zijn, zoals nieuwe voertuigen of occasievoertuigen, wordt toegerekend door hun afzonderlijke kostprijzen specifiek te bepalen. De kostprijs van de andere voorradenbestanddelen wordt toegerekend via de FIFO-formule (eerst in, eerst uit) of de formule van de gewogen gemiddelde kostprijs. Als voorraden worden gebruikt, wordt de boekwaarde van deze voorraden opgenomen als last in de periode waarin de daarmee verband houdende opbrengsten worden opgenomen. Het bedrag van alle waardeverminderingen van voorraden tot de opbrengstwaarde en alle verliezen van voorraden wordt opgenomen als last in de periode waarin de waardevermindering of het verlies plaatsvindt. Het bedrag van elke terugboeking van elke waardevermindering van voorraden, wordt opgenomen als een verlaging van de voorraadwaarde die wordt opgenomen als last in de periode waarin de terugboeking plaatsvindt.
De voertuigen die niet onderworpen zijn aan een "buy-back" overeenkomst worden als voorraden beschouwd. Die voertuigen worden vervolgens niet meer afgeschreven en worden gewaardeerd tegen de laagste waarde tussen de boekwaarde en de rëele waarde minus de realisatiekosten.
Geldmiddelen omvatten contanten en direct opvraagbare deposito's. Kasequivalenten zijn kortlopende (maximum 3 maanden), uiterst liquide beleggingen die onmiddellijk kunnen worden omgezet in geldmiddelen waarvan het bedrag gekend is en die geen materieel risico van waardeverandering in zich dragen.
Wanneer de groep (of zijn dochterondernemingen) zijn eigen-vermogensinstrumenten terugkoopt, worden die instrumenten uit het eigen vermogen afgetrokken als eigen aandelen. Wanneer zulke eigen-vermogensinstrumenten in het vervolg verkocht worden, wordt elke vergoeding in eigen vermogen erkend.
De dividenden die voorgesteld of aangekondigd zijn na balansdatum aan de houders van eigen-vermogensinstrumenten worden niet als schuld erkend op de balansdatum; ze worden opgenomen in het eigen vermogen.
Een voorziening wordt opgenomen indien:
Indien deze voorwaarden niet zijn vervuld, wordt er geen voorziening opgenomen.
Binnen de groep bestaan verscheidene pensioenplannen met vaste bijdragen en vaste vergoedingen. Deze pensioenplannen worden meestal gedekt door pensioenfondsen of verzekeringen. Het minimale actief waarover deze pensioenfondsen of verzekeringen moeten beschikken wordt door de nationale wetgevingen bepaald.
De betalingen voor toegezegd-pensioenregelingen inzake bijdragen na uitdiensttreding worden als last opgenomen op het moment dat ze verschuldigd zijn.
De verplichtingen van de groep betreffende toegezegd-pensioenregelingen inzake vergoedingen na uitdiensttreding, alsook de kosten die eruit voortvloeien, worden gewaardeerd overeenkomstig de "projected unit credit"-methode, met op zijn minst op jaarbasis, de uitvoering van actuariële waarderingen. De actuariële winsten en verliezen worden geboekt in de periode waarin ze worden vastgesteld. Ze worden buiten de winst- en verliesrekening geboekt, en worden gepresenteerd in het overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten. De kost van de geleverde diensten wordt onmiddellijk geboekt op voorwaarde dat de beloningen reeds verworven zijn; indien dat niet het geval is, worden ze lineair afgeschreven over de gemiddelde periode waarin ze worden verworven.
De verplichtingen betreffende de langetermijnpersoneelsbeloningen opgenomen in de balans vertegenwoordigen de contante waarde van de toegezegd-pensioenregelingen inzake vergoedingen na uitdiensttreding, na aftrek van de reële waarde van de activa van die regelingen. Indien het resultaat van die berekening op een actief uitkomt, wordt het geboekt in de mate van de kost van de geleverde diensten, vermeerderd met de contante waarde van elke economische beloning, onder de vorm van een te ontvangen terugbetaling van die regelingen, of van een vermindering van de toekomstige bijdragen die moeten betaald worden aan die regelingen.
De IAS 32 en 39 normen zijn van toepassing voor de waardering van financiële instrumenten:
Derivaten worden gebruikt ter dekking van de financiële risico's van de groep.
De IAS 32 en IAS 39 normen zijn van toepassing. Door zijn activiteiten wordt de groep blootgesteld aan financiële risico's verbonden met wisselkoersverschillen en veranderingen in de rentevoeten. De groep gebruikt termijncontracten in vreemde valuta ("FX-contracten"), rentevoetswaps ("IRS"), "cross currency interestswaps" ("CCIRS") en opties om die risico's te dekken. Derivaten worden niet voor speculatieve doeleinden gebruikt door de groep. Bepaalde financiële transacties, alhoewel economisch effectieve afdekkingen, vervullen echter niet de voorwaarden van hedge accounting volgens de specifieke regels in IAS 39.
Derivaten worden bij hun ontstaan geboekt tegen reële waarde. Indien ze de voorwaarden van hedge accounting niet vervullen, worden deze derivaten geboekt als aangehouden voor handelsdoeleinden en vervolgens tegen hun reële waarde opgenomen.
Veranderingen in de reële waarde van derivaten die de voorwaarden voor hedge accounting niet vervullen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening wanneer ze ontstaan.
Veranderingen in de reële waarde van derivaten die beschouwd worden als een afdekking van toekomstige kasstromen, en die effectief zijn, worden onmiddellijk opgenomen in het eigen vermogen en elk niet-effectief ingedekt deel wordt direct opgenomen in de winst- en verliesrekening. Indien de kasstroomafdekking een vaststaande toezegging is of indien een verwachte onderliggende transactie tot de opname van een financieel actief of een financiële verplichting leidt, op het moment dat het actief of passief erkend werd, dienen de verbonden winsten of verliezen die direct in het eigen vermogen werden opgenomen te worden erkend samen met het actief of passief dat ze dekken. Voor afdekkingen waarvan het onderliggende element niet resulteert in de opname van een financieel actief of een financiële verplichting, worden de bedragen, voorheen opgenomen in het eigen vermogen, overgeboekt naar de winst- en verliesrekening in dezelfde periode waarin het onderliggende element invloed heeft op de winst of het verlies.
Voor de effectieve afdekking van een risico dat tot een verandering van de reële waarde leidt, wordt het afgedekte element aangepast voor veranderingen in de reële waarde toegekend aan het risico dat gedekt wordt, met een overeenkomstige boeking in de winsten verliesrekening. Winsten en verliezen voortvloeiend uit de herwaardering van het derivaat worden geboekt in de winst- en verliesrekening. Dezelfde behandeling is van toepassing op de afdekkingen die niet gebaseerd zijn op derivaten (zoals afdekkingen van netto investeringen door schulden).
Hedge accounting wordt gestaakt als het afdekkingsinstrument afloopt of wordt verkocht, beëindigd of uitgeoefend, of als het niet meer aan de voorwaarden voor hedge accounting voldoet. Vanaf dat ogenblik dient de cumulatieve winst of het cumulatieve verlies opgenomen in het eigen vermogen overgeboekt te worden naar de winst- en verliesrekening volgens IAS 39.
In het contract besloten derivaten die deel uitmaken van andere financiële instrumenten of andere basiscontracten worden afzonderlijk behandeld wanneer er geen nauwe banden bestaan tussen hun risico's en karakteristieken en de basiscontracten, en als de basiscontracten niet tegen reële waarde worden geboekt met niet gerealiseerde winsten en verliezen opgenomen in de winst- en verliesrekening.
De groep is verplicht de belangen zonder zeggenschap in Belron in handen van derden over te nemen indien deze laatste hun verkoopopties wensen uit te oefenen. IAS 32 vereist dat de uitoefenprijs van zulke opties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap als financiële passiva in de geconsolideerde balans wordt opgenomen. Voor verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap vóór 1 januari 2010, wordt de goodwill aangepast aan het einde van de periode om de veranderingen in de uitoefenprijs van de opties en de boekwaarde van de desbetreffende belangen zonder zeggenschap weer te geven.
Voor verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap vanaf 1 januari 2010, wordt bij de eerste boeking het verschil tussen de vergoeding en de uitoefenprijs van de toegestane opties in het eigen vermogen, groepsaandeel, opgenomen volgens IAS 27 (herziene versie) en IAS 32. Op elk periode-einde zal de waardeaanpassing van de financiële passiva die resulteert uit deze opties in de geconsolideerde winst- en verliesrekening als waardeaanpassingen in de netto financieringkosten worden opgenomen volgens IAS 39.
Opbrengsten uit de verkoop van goederen worden opgenomen indien aan alle volgende voorwaarden wordt voldaan:
Indien het resultaat van een transactie waarbij diensten worden geleverd betrouwbaar kan worden geschat, worden de opbrengsten met betrekking tot die diensten opgenomen a rato van de verrichte prestaties op de balansdatum.
Renteopbrengsten worden op basis van tijdsevenredigheid opgenomen, rekening houdend met het effectieve rendement van het actief. Royalty's worden volgens het toerekeningsbeginsel opgenomen in overeenstemming met de economische realiteit van de desbetreffende overeenkomst. Dividenden worden opgenomen op het moment dat de aandeelhouder het recht heeft verkregen om de betaling te ontvangen.
In de winst- en verliesrekening worden de verkoop van goederen, het verrichten van diensten en de royalty's opgenomen onder de titel "verkopen". Interestopbrengsten worden onder de titel "netto financieringskosten" gepresenteerd.
Op aandelen gebaseerde betalingen worden uitsluitend gerealiseerd in verband met aandelenoptieplannen ten voordele van het personeel.
Voor aandelenoptieplannen ten voordele van het personeel die in eigen-vermogensinstrumenten afgewikkeld zijn, dient de groep IFRS 2 niet toe te passen op de toekenning van aandelen, aandelenopties en andere eigen-vermogensinstrumenten die vóór 7 november 2002 werden toegekend en die op 1 januari 2004 nog niet onvoorwaardelijk zijn geworden. Aandelenoptieplannen afgewikkeld in eigen-vermogensinstrumenten toegekend aan het personeel na die datum worden overeenkomstig IFRS 2 geboekt, zodat hun kost in het resultaat opgenomen wordt over de overeenkomstige prestatieperiode.
Aandelenoptieplannen afgewikkeld in geldmiddelen (toegekend aan het personeel vóór, op of na 7 november 2002) worden als schuld erkend en hun kost wordt in het resultaat opgenomen over de overeenkomstige wachtperiode.
Financieringskosten die rechtstreeks zijn toe te rekenen aan de verwerving, bouw of productie van een in aanmerking komend actief, worden geactiveerd als deel van de kostprijs van dat actief.
Overheidssubsidies voor de aankoop van vaste activa worden opgenomen als over te dragen ontvangsten en worden in credit geboekt in de winst- en verliesrekening over de levensduur van de desbetreffende activa.
Over de verslagperiode verschuldigde en verrekenbare belastingen voor lopende en voorgaande perioden worden, in zoverre ze nog niet zijn betaald, opgenomen als een verplichting. Als het bedrag dat al is betaald met betrekking tot lopende en voorgaande perioden groter is dan het bedrag dat over deze perioden is verschuldigd, wordt het saldo opgenomen als een actief. Het voordeel met betrekking tot een fiscaal verlies dat later kan worden gecompenseerd met in een voorgaande periode verschuldigde belasting wordt opgenomen als een actief.
De uitgestelde belastingverplichtingen en -vorderingen worden volledig vastgesteld volgens de balansmethode, rekening houdend met tijdelijke verschillen tussen de boekwaarden van activa en passiva in de financiële verslaggeving en de bedragen die worden gebruikt voor fiscale doeleinden. Bij de berekening van de belastinglatenties wordt met de volgende tijdelijke verschillen geen rekening gehouden: (i) de eerste opname van de goodwill en (ii) de eerste opname van een actief of verplichting die geen invloed heeft op de winst vóór belastingen of op de fiscale winst (het fiscale verlies). Het bedrag van de uitgestelde belastingverplichtingen en -vorderingen is gebaseerd op de verwachtingen met betrekking tot de realisatie of vereffening van de boekwaarde van de activa en passiva, waarbij gebruik wordt gemaakt van de belastingtarieven die zijn vastgesteld of in wezen vastgesteld op de balansdatum. Een uitgestelde belastingvordering wordt slechts geboekt in de mate dat het waarschijnlijk is dat er in de toekomst belastbare winsten zullen zijn tegenover welke de niet-aangewende fiscale verliezen en belastingkredieten zullen kunnen worden aangewend. Uitgestelde belastingvorderingen worden verminderd naarmate het niet langer waarschijnlijk is dat het desbetreffende belastingvoordeel zal worden gerealiseerd.
Elke post van de winst- en verliesrekening en elk subtotaal van de winst- en verliesrekening wordt onderverdeeld om informatie te geven inzake courant resultaat en ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen. Ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen bevatten de volgende elementen:
Alle andere elementen worden erkend als deel van het courante resultaat.
De operationele segmenten van de groep voor de verslaggeving zijn autodistributie, autoverhuur en voertuigbeglazing. Het segment autodistributie omvat de automobiele distributie-activiteiten (zie toelichting 1) net als de corporate activiteiten. Het segment autoverhuur bestaat uit Avis Europe plc en zijn dochterondernemingen, joint ventures en geassocieerde ondernemingen (zie toelichting 1). Het segment voertuigbeglazing betreft Belron s.a. en zijn dochterondernemingen (zie toelichting 1). Deze operationele segmenten zijn consistent met de organisatorische en interne rapporteringstructuur van de groep.
| in miljoen EUR | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Externe verkopen | ||||||
| Verkopen tussen segmenten | ||||||
| Verkopen per segment | ||||||
| Bedrijfsresultaat (per segment) | ||||||
| bestaande uit: courante elementen | ||||||
| ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen |
||||||
| Netto financieringskosten | ||||||
| Resultaat vóór belastingen | ||||||
| bestaande uit: courante elementen | ||||||
| ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen |
||||||
| Aandeel in het resultaat van entiteiten verwerkt volgens de "equity"-methode |
||||||
| Belastingen | ||||||
| Resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten |
||||||
| bestaande uit: courante elementen | ||||||
| ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen |
||||||
| Beëindigde bedrijfsactiviteiten | ||||||
| RESULTAAT VAN DE PERIODE | ||||||
| Toerekenbaar aan: | ||||||
| Houders van eigen-vermogensinstru menten van de moedermaatschappij |
||||||
| bestaande uit: courante elementen | ||||||
| ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen |
||||||
| Belangen zonder zeggenschap | ||||||
| RESULTAAT VAN DE PERIODE |
Toelichting 3.3: Gesegmenteerde balans - Operationele segmenten (Op 31 december)
| in miljoen EUR | Toelichting | 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- | Auto- | Voertuig- | Groep | Auto- | Auto- | Voertuig- | Groep | ||
| distri- | verhuur | begla- | distri- | verhuur | begla- | ||||
| butie | zing | butie | zing | ||||||
| Goodwill | 11 | 2,6 | 0,2 | 1.001,8 | 1.004,6 | 2,6 | 0,2 | 937,0 | 939,8 |
| Overige immateriële vaste activa | 13 | 1,2 | 363,9 | 427,1 | 792,2 | 1,8 | 379,6 | 394,8 | 776,2 |
| Voertuigen | 14 | 304,8 | 353,5 | - | 658,3 | 307,4 | 364,5 | - | 671,9 |
| Overige materiële vaste activa | 15 | 139,1 | 58,8 | 277,5 | 475,4 | 134,8 | 64,9 | 219,4 | 419,1 |
| Vastgoedbeleggingen | 16 | 5,8 | - | - | 5,8 | 6,3 | - | - | 6,3 |
| Entiteiten verwerkt volgens de "equity"-methode | 7 | 4,0 | 16,3 | - | 20,3 | 3,3 | 12,2 | - | 15,5 |
| Voor verkoop beschikbare financiële activa | 17 | 0,5 | 0,5 | 0,2 | 1,2 | 0,5 | 0,4 | 0,1 | 1,0 |
| Voor afdekking aangehouden derivaten | 18 | - | 4,8 | - | 4,8 | - | - | - | - |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten | 19 | - | 2,2 | - | 2,2 | - | 1,9 | - | 1,9 |
| Activa uit hoofde van | |||||||||
| langetermijnpersoneelsbeloningen | 20 | - | - | 39,2 | 39,2 | - | - | 14,6 | 14,6 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 21 | 1,2 | 41,4 | 49,7 | 92,3 | 1,0 | 42,5 | 54,6 | 98,1 |
| Overige vorderingen | 22 | 1,4 | - | 2,6 | 4,0 | 0,9 | - | 2,6 | 3,5 |
| Vaste activa | 460,6 | 841,6 | 1.798,1 | 3.100,3 | 458,6 | 866,2 | 1.623,1 | 2.947,9 | |
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | 23 | 1,7 | - | - | 1,7 | - | - | - | - |
| Voorraden | 24 | 310,4 | 7,1 | 233,9 | 551,4 | 266,1 | 8,4 | 193,1 | 467,6 |
| Voor afdekking aangehouden derivaten | 18 | - | - | 0,1 | 0,1 | - | 0,4 | 0,4 | 0,8 |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten | 19 | 14,8 | 2,7 | 2,2 | 19,7 | 16,0 | 2,0 | 1,0 | 19,0 |
| Andere financiële activa | 25 | 8,9 | - | 17,0 | 25,9 | 10,0 | 2,7 | 13,2 | 25,9 |
| Actuele belastingvorderingen | 26 | 0,1 | 1,6 | 4,2 | 5,9 | 0,2 | 1,7 | 0,4 | 2,3 |
| Handelsvorderingen en overige vorderingen | 27 | 120,8 | 1.026,1 | 238,0 | 1.384,9 | 95,7 | 989,6 | 210,1 | 1.295,4 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 28 | 2,1 | 231,7 | 33,4 | 267,2 | 259,5 | 60,6 | 28,1 | 348,2 |
| Vlottende activa | 458,8 | 1.269,2 | 528,8 | 2.256,8 | 647,5 | 1.065,4 | 446,3 | 2.159,2 | |
| TOTAAL ACTIVA | 919,4 | 2.110,8 | 2.326,9 | 5.357,1 | 1.106,1 | 1.931,6 | 2.069,4 | 5.107,1 | |
| Geplaatst kapitaal en reserves die aan houders | 1.250,6 | - | - | 1.250,6 | 1.028,5 | - | - | 1.028,5 | |
| van eigen-vermogensinstrumenten toerekenbaar zijn | |||||||||
| Belangen zonder zeggenschap | 1,1 | 212,2 | 0,8 | 214,1 | 1,4 | 124,7 | - | 126,1 | |
| Eigen vermogen Verplichtingen uit hoofde van |
1.251,7 | 212,2 | 0,8 | 1.464,7 | 1.029,9 | 124,7 | - | 1.154,6 | |
| langetermijnpersoneelsbeloningen | 20 | 5,6 | 68,0 | 36,5 | 110,1 | 6,9 | 89,1 | 31,6 | 127,6 |
| Overige voorzieningen | 30 | 31,7 | 27,4 | 37,0 | 96,1 | 29,0 | 32,7 | 1,1 | 62,8 |
| Voor afdekking aangehouden derivaten | 18 | - | 17,3 | - | 17,3 | - | 41,8 | - | 41,8 |
| Leningen | 31/32 | 537,5 | 460,5 | 740,6 | 1.738,6 | 550,8 | 533,3 | 459,7 | 1.543,8 |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten | 19 | - | - | 0,1 | 0,1 | - | - | 0,3 | 0,3 |
| Verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap |
33 | 163,0 | - | - | 163,0 | 113,0 | - | - | 113,0 |
| Andere schulden | 34 | - | - | 13,3 | 13,3 | - | - | 6,1 | 6,1 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 21 | 20,8 | 118,6 | 17,2 | 156,6 | 16,8 | 122,3 | 8,4 | 147,5 |
| Langlopende verplichtingen | 758,6 | 691,8 | 844,7 | 2.295,1 | 716,5 | 819,2 | 507,2 | 2.042,9 | |
| Voorzieningen | 30 | - | 20,9 | 4,4 | 25,3 | - | 18,6 | 203,5 | 222,1 |
| Voor afdekking aangehouden derivaten | 18 | - | 10,1 | 2,8 | 12,9 | - | 18,7 | 2,2 | 20,9 |
| Leningen | 31/32 | 29,1 | 297,5 | 29,6 | 356,2 | 289,2 | 242,2 | 17,8 | 549,2 |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten | 19 | 14,3 | 8,9 | 1,4 | 24,6 | 21,0 | 13,4 | 1,3 | 35,7 |
| Actuele belastingverplichtingen | 26 | 0,3 | 20,3 | 40,1 | 60,7 | 0,1 | 41,2 | 46,6 | 87,9 |
| Handelsschulden en overige te betalen posten | 35 | 199,1 | 528,3 | 390,2 | 1.117,6 | 164,3 | 465,3 | 364,2 | 993,8 |
| Kortlopende verplichtingen | 242,8 | 886,0 | 468,5 | 1.597,3 | 474,6 | 799,4 | 635,6 | 1.909,6 | |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN |
2.253,1 | 1.790,0 | 1.314,0 | 5.357,1 | 2.221,0 | 1.743,3 | 1.142,8 | 5.107,1 |
Toelichting 3.4: Gesegmenteerd kasstroomoverzicht - Operationele segmenten (Jaar afgesloten op 31 december)
| in miljoen EUR | Toelichting | 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- distri- butie |
verhuur | Auto- Voertuig- begla- zing |
Groep | Auto- distri- butie |
Auto- verhuur |
Voertuig- begla- zing |
Groep | ||
| Kasstroom uit de bedrijfsactiviteiten | |||||||||
| Bedrijfsresultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 92,6 | 92,0 | 235,4 | 420,0 | 65,0 | 56,2 | 208,6 | 329,8 | |
| Afschrijvingen van voertuigen voor activiteiten van rent-a-car en operationele leases |
5 | 61,5 | 105,3 | - | 166,8 | 70,6 | 114,2 | - | 184,8 |
| Afschrijvingen van overige vaste elementen | 5 | 12,2 | 13,2 | 68,0 | 93,4 | 12,8 | 14,9 | 55,7 | 83,4 |
| Afschrijving van Avis-licentierechten | 9 | - | 13,7 | - | 13,7 | - | 13,7 | - | 13,7 |
| Afschrijvingen van overige immateriële vaste activa | 5 | 1,0 | 5,1 | 25,5 | 31,6 | 1,0 | 4,8 | 21,7 | 27,5 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen op goodwill en overige vaste activa |
- | - | - | - | - | 0,6 | - | 0,6 | |
| Niet-geldelijke operationele leasingkosten op "buy-back" overeenkomsten |
5 | - | 143,4 | - | 143,4 | - | 135,7 | - | 135,7 |
| Overige niet-geldelijke posten | 9 | -0,2 | -4,6 | -159,7 | -164,5 | -3,1 | -9,6 | 59,7 | 47,0 |
| Pensioenverplichtingen | -0,4 | -15,4 | -13,6 | -29,4 | -0,1 | -1,5 | -27,0 | -28,6 | |
| Overige geldelijke posten | - | -1,1 | - | -1,1 | - | 1,8 | - | 1,8 | |
| Netto ontvangsten/(betalingen) ivm voertuigen aangekocht met een "buy-back" overeenkomst |
- | -99,7 | - | -99,7 | - | 132,8 | - | 132,8 | |
| Aanschaffingen van voertuigen voor activiteiten van rent-a-car en operationele leases (1) |
-150,2 | -387,0 | - | -537,2 | -153,7 | -293,4 | - | -447,1 | |
| Verkopen van voertuigen voor activiteiten van rent-a-car en operationele leases (1) |
95,7 | 336,2 | - | 431,9 | 120,8 | 249,9 | - | 370,7 | |
| Wijziging in de behoefte aan bedrijfskapitaal | -33,9 | 16,3 | -22,9 | -40,5 | 145,1 | 40,8 | 15,2 | 201,1 | |
| Kasstroom uit de bedrijfsactiviteiten | 78,3 | 217,4 | 132,7 | 428,4 | 258,4 | 460,9 | 333,9 | 1.053,2 | |
| Betaalde belastingen | -0,2 | -40,4 | -53,1 | -93,7 | 2,1 | -12,0 | -26,3 | -36,2 | |
| Netto kasstroom uit de bedrijfsactiviteiten | 78,1 | 177,0 | 79,6 | 334,7 | 260,5 | 448,9 | 307,6 | 1.017,0 | |
| Kasstroom uit de investeringsactiviteiten | |||||||||
| Aanschaffingen van materiële vaste activa (excl. voertuigen) | -18,2 | -9,8 | -119,7 | -147,7 | -6,8 | -10,9 | -97,9 | -115,6 | |
| Verkopen van materiële vaste activa (excl. voertuigen) | 0,1 | 0,9 | 2,6 | 3,6 | 0,1 | 0,6 | 3,0 | 3,7 | |
| Netto investering in immateriële en materiële vaste activa |
-18,1 | -8,9 | -117,1 | -144,1 | -6,7 | -10,3 | -94,9 | -111,9 | |
| Verwerving van belangen van aandeelhouders zonder zeggenschap |
9 | -0,3 | - | - | -0,3 | -275,1 | - | - | -275,1 |
| Verwerving van dochterondernemingen | 9/12 | - | -0,1 | -29,8 | -29,9 | - | -0,4 | -16,3 | -16,7 |
| Vervreemding van belangen van aandeelhouders | 9 | 16,6 | - | - | 16,6 | - | - | - | - |
| zonder zeggenschap | |||||||||
| Netto investering in overige financiële activa Netto kasstroom uit de investeringsactiviteiten |
25 | 0,6 -1,2 |
2,7 -6,3 |
-5,8 -152,7 |
-2,5 -160,2 |
26,7 -255,1 |
-2,7 -13,4 |
-2,8 -114,0 |
21,2 -382,5 |
| Kasstroom uit de financieringsactiviteiten | |||||||||
| Contante netto ontvangsten uit de uitgifte | -111,3 | 180,6 | - | 69,3 | - | - | - | - | |
| van eigen-vermogensinstrumenten Netto aanschaffingen van eigen aandelen |
4,7 | -1,4 | - | 3,3 | -1,4 | -2,0 | - | -3,4 | |
| Terugbetaling van financiële leases verplichtingen | - | -46,7 | -24,1 | -70,8 | - | -54,3 | -13,7 | -68,0 | |
| Netto verandering in andere leningen | -274,0 | -73,0 | 230,9 | -116,1 | 216,4 | -299,4 | -74,4 | -157,4 | |
| Netto betaalde interesten | -29,8 | -59,6 | -28,0 | -117,4 | -21,0 | -71,2 | -28,5 | -120,7 | |
| Door de moedermaatschappij betaalde dividenden | 29 | -17,9 | - | - | -17,9 | -16,5 | - | - | -16,5 |
| Door dochterondernemingen ontvangende/(betaalde) dividenden |
94,0 | - | -100,0 | -6,0 | 75,4 | - | -97,5 | -22,1 | |
| Netto kasstroom uit de financieringsactiviteiten | -334,3 | -0,1 | 78,8 | -255,6 | 252,9 | -426,9 | -214,1 | -388,1 | |
| TOTALE KASSTROOM VAN DE PERIODE | -257,4 | 170,6 | 5,7 | -81,1 | 258,3 | 8,6 | -20,5 | 246,4 | |
| Reconciliatie met de balans | |||||||||
| Geldmiddelen aan het begin van het boekjaar | 28 | 24,7 | 38,7 | 28,1 | 91,5 | 1,2 | 23,0 | 44,6 | 68,8 |
| Kasequivalenten aan het begin van het boekjaar | 28 | 234,8 | 21,9 | - | 256,7 | - | 29,1 | - | 29,1 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten aan het begin van het boekjaar |
28 | 259,5 | 60,6 | 28,1 | 348,2 | 1,2 | 52,1 | 44,6 | 97,9 |
| Totale kasstroom van de periode | -257,4 | 170,6 | 5,7 | -81,1 | 258,3 | 8,6 | -20,5 | 246,4 | |
| Omrekeningsverschillen | - | 0,5 | -0,4 | 0,1 | - | -0,1 | 4,0 | 3,9 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten aan het einde van het boekjaar |
28 | 2,1 | 231,7 | 33,4 | 267,2 | 259,5 | 60,6 | 28,1 | 348,2 |
(1) Exclusief voertuigen met een "buy-back" overeenkomst.
Toelichting 3.5: Overige gesegmenteerde informatie - Operationele segmenten (Jaar afgesloten op 31 december)
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- distri- |
Auto- Voertuig- verhuur begla- |
Groep | Auto- distri- |
Auto- verhuur |
Voertuig- begla- |
Groep | ||
| butie | zing | butie | zing | |||||
| Kapitaalinvesteringen (1) | 168,4 | 431,3 | 177,2 | 776,9 | 160,5 | 327,4 | 130,0 | 617,9 |
(1) Kapitaalinvesteringen betreffen beide toevoegingen en aan aanschaffingen door bedrijfscombinaties inclusief goodwill.
Buiten de afschrijvingen van de activa van de segmenten (die voorgesteld worden in toelichting 5), zijn de kosten van operationele leases op "buy-back" overeenkomsten (ook voorgesteld in toelichting 5) en de kost voortvloeiend uit het langetermijn incentiveplan voor het management de andere materiële uitgaven in mindering gebracht bij de schatting van het resultaat van de segmenten.
De drie operationele segmenten van de groep opereren in drie belangrijke geografische gebieden, zijnde België (voornaamste markt voor het segment autodistributie), de rest van Europa en de rest van de wereld.
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| België | Rest van | Rest van | Groep | België | Rest van | Rest van | Groep | |
| Europa | de wereld | Europa | de wereld | |||||
| Verkopen per segment aan externe klanten (1) | 2.734,9 | 3.075,4 | 1.243,3 | 7.053,6 | 2.419,6 | 2.792,4 | 1.057,7 | 6.269,7 |
| Vaste activa (2) | 469,9 | 1.909,7 | 560,7 | 2.940,3 | 477,4 | 1.854,0 | 485,4 | 2.816,8 |
| Kapitaalinvesteringen (3) | 175,3 | 507,0 | 94,6 | 776,9 | 167,6 | 369,9 | 80,4 | 617,9 |
(1) Gebaseerd op de geografische ligging van de klanten.
(2) Vaste activa zoals gedefinieerd door IFRS 8 omvatten de goodwill, de andere immateriële vaste activa, de voertuigen, de overige materiële vaste activa, de vastgoedbeleggingen en de overige vaste vorderingen.
(3) Kapitaalinvesteringen betreffen de toevoegingen alsook de aanschaffingen door bedrijfscombinaties inclusief goodwill.
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Nieuwe voertuigen | 2.204,4 | 1.929,7 |
| Tweedehandse voertuigen | 103,9 | 117,0 |
| Onderdelen en accessoires | 167,6 | 149,4 |
| Naverkoopactiviteiten door D'Ieteren Car Centers | 54,7 | 51,6 |
| D'Ieteren Sport | 35,8 | 40,2 |
| D'Ieteren Lease | 141,4 | 143,2 |
| Huuropbrengsten uit "buy-back" overeenkomsten | 2,7 | 2,2 |
| Andere verkopen | 22,4 | 20,5 |
| Subtotaal autodistributie | 2.732,9 | 2.453,8 |
| Verhuuropbrengsten | 1.198,2 | 1.159,6 |
| Verkoop van voertuigen zonder terugkoopovereenkomst | 321,6 | 233,1 |
| Subtotaal autoverhuur | 1.519,8 | 1.392,7 |
| Voertuigbeglazing | 2.800,9 | 2.423,2 |
| VERKOPEN (EXTERNE) | 7.053,6 | 6.269,7 |
| bestaande uit: verkoop van goederen | 3.014,0 | 2.626,0 |
| verrichten van diensten | 3.992,0 | 3.599,7 |
| royalty's | 47,6 | 44,0 |
Interestopbrengsten en dividenden (indien toepasbaar) worden opgenomen onder de netto financieringskosten (zie toelichting 6).
Bedrijfsresultaat wordt verkregen na aftrek van:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- distri- butie |
Auto- verhuur |
Voertuig- begla- zing |
Groep | Auto- distri- butie |
Auto- verhuur |
Voertuig- begla- zing |
Groep | |
| Courante elementen: | ||||||||
| Inkopen en voorraadwijzigingen | -2.286,8 | -367,5 | -674,0 | -3.328,3 | -2.057,6 | -279,6 | -576,3 | -2.913,5 |
| Afschrijvingen van voertuigen | -61,5 | -105,3 | - | -166,8 | -70,6 | -114,2 | - | -184,8 |
| Afschrijvingen van overige vaste elementen (excl. vastgoedbeleggingen) |
-11,7 | -13,2 | -68,0 | -92,9 | -11,8 | -14,9 | -55,7 | -82,4 |
| Afschrijvingen van de immateriële vaste activa (excl. waardeaanpassingen - zie toelichting 9) |
-1,0 | -5,1 | -10,5 | -16,6 | -1,0 | -4,8 | -11,1 | -16,9 |
| Operationele leasingkosten op "buy-back" overeenkomsten | - | -143,4 | - | -143,4 | - | -135,7 | - | -135,7 |
| Voorwaardelijke operationele leasebetalingen (1) | - | -52,0 | - | -52,0 | - | -51,3 | - | -51,3 |
| Overige operationele leasebetalingen | - | -127,1 | -139,2 | -266,3 | - | -120,9 | -106,2 | -227,1 |
| Waardevermindering op voorraden | -1,0 | - | -2,1 | -3,1 | 2,0 | - | -2,1 | -0,1 |
| Netto winst (verlies) op voertuigen | 4,5 | 2,7 | - | 7,2 | 5,4 | 1,1 | - | 6,5 |
| Personeelskosten (zie toelichting 36) | -130,0 | -265,5 | -1.022,7 | -1.418,2 | -123,2 | -260,9 | -927,6 | -1.311,7 |
| Onderzoek- en ontwikkelingskosten | - | - | -3,2 | -3,2 | - | - | -1,4 | -1,4 |
| Overige | -153,5 | -325,0 | -622,1 | -1.100,6 | -126,7 | -299,2 | -523,3 | -949,2 |
| Overige bedrijfskosten: | ||||||||
| Waardeverminderingen op vorderingen | 0,3 | -10,2 | -2,8 | -12,7 | -5,2 | -8,8 | -1,6 | -15,6 |
| Kosten verbonden met vastgoedbeleggingen: | ||||||||
| Afschrijvingen | -0,5 | - | - | -0,5 | -0,5 | - | - | -0,5 |
| Bedrijfskosten (2) | -0,1 | - | - | -0,1 | - | - | - | - |
| Overige | 0,4 | - | -0,7 | -0,3 | 0,5 | -0,1 | -2,4 | -2,0 |
| Subtotaal overige bedrijfskosten | 0,1 | -10,2 | -3,5 | -13,6 | -5,2 | -8,9 | -4,0 | -18,1 |
| Overige bedrijfsopbrengsten: | ||||||||
| Huurinkomen uit vastgoedbeleggingen (3) | 0,6 | - | - | 0,6 | 0,6 | - | - | 0,6 |
| Overige | - | - | - | - | 0,1 | - | - | 0,1 |
| Subtotaal overige bedrijfsopbrengsten | 0,6 | - | - | 0,6 | 0,7 | - | - | 0,7 |
| Subtotaal courante elementen | -2.640,3 | -1.411,6 | -2.545,3 | -6.597,2 | -2.388,0 | -1.289,3 | -2.207,7 | -5.885,0 |
| Ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen (zie toelichting 9) |
- | -16,2 | -20,2 | -36,4 | -0,8 | -47,2 | -6,9 | -54,9 |
| NETTO BEDRIJFSKOSTEN | -2.640,3 | -1.427,8 | -2.565,5 | -6.633,6 | -2.388,8 | -1.336,5 | -2.214,6 | -5.939,9 |
(1) Voorwaardelijke leasebetalingen vloeien hoofdzakelijk voort uit de autoverhuuragentschappen in luchthavens en zijn meestal gebaseerd op de verkopen van de individuele agentschappen.
(2) Het bedrag in zijn geheel betreft vastgoedbeleggingen die huurinkomen hebben opgeleverd.
(3) Bevat geen voorwaardelijke leasebetalingen.
Netto financieringskosten bestaan uit de volgende elementen:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- distri- butie |
Auto- verhuur |
Voertuig- begla- zing |
Groep | Auto- distri- butie |
Auto- verhuur |
Voertuig- begla- zing |
Groep | |
| Courante elementen: | ||||||||
| Financiële kosten: | ||||||||
| Interestkosten | -25,2 | -51,9 | -28,3 | -105,4 | -20,2 | -61,7 | -25,9 | -107,8 |
| Transfer van waardeaanpassingen | -3,8 | -8,7 | -2,0 | -14,5 | -3,5 | -7,6 | -3,9 | -15,0 |
| Courante interestkosten | -29,0 | -60,6 | -30,3 | -119,9 | -23,7 | -69,3 | -29,8 | -122,8 |
| Overige financiële kosten | -0,4 | - | - | -0,4 | -0,2 | - | - | -0,2 |
| Subtotaal financiële kosten | -29,4 | -60,6 | -30,3 | -120,3 | -23,9 | -69,3 | -29,8 | -123,0 |
| Financiële opbrengsten | 1,4 | 1,1 | 1,3 | 3,8 | 0,8 | 1,0 | 1,3 | 3,1 |
| Courante netto financieringskosten | -28,0 | -59,5 | -29,0 | -116,5 | -23,1 | -68,3 | -28,5 | -119,9 |
| Ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen (zie toelichting 9): |
||||||||
| Ongebruikelijke elementen | - | -0,9 | - | -0,9 | - | - | - | - |
| Waardeaanpassingen op verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap |
-1,4 | - | - | -1,4 | - | - | - | - |
| Waardeaanpassingen op financiële instrumenten: | ||||||||
| Winsten (Verliezen) op bruto reële waarde van derivaten (1) | 0,9 | -4,6 | -1,9 | -5,6 | -2,1 | -2,3 | -2,8 | -7,2 |
| Transfer naar courante elementen | 3,8 | 8,7 | 2,0 | 14,5 | 3,5 | 7,6 | 3,9 | 15,0 |
| Subtotaal winsten (verliezen) op netto reële waarde van derivaten (1) |
4,7 | 4,1 | 0,1 | 8,9 | 1,4 | 5,3 | 1,1 | 7,8 |
| Wisselkoerswinsten (verliezen) op nettoschuld | - | -2,0 | - | -2,0 | - | -2,5 | - | -2,5 |
| Ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen | 3,3 | 1,2 | 0,1 | 4,6 | 1,4 | 2,8 | 1,1 | 5,3 |
| NETTO FINANCIERINGSKOSTEN | -24,7 | -58,3 | -28,9 | -111,9 | -21,7 | -65,5 | -27,4 | -114,6 |
(1) De verandering van de bruto reële waarde van derivaten stemt overeen met de verandering in de waarde van de derivaten tussen het begin en het einde van de periode. Veranderingen in de netto reële waarde van derivaten stemt overeen met de verandering in de bruto reële waarde zonder rekening te houden met de verworven kasstromen van de periode.
In de groep bestaan er zes entiteiten verwerkt volgens de "equity"-methode.
D'Ieteren Vehicle Trading n.v. is een geassocieerde onderneming voor 49% die diensten inzake financiële leases verricht voor klanten van het segment autodistributie. In 2010 heeft het segment autodistributie 33% van het bedrijf S.M.A.R.T & Clean Automotive Services S.A. en zijn dochtermaatschappij, Riankar, die actief zijn in het "smart repair" van voertuigen, overgenomen voor een contante vergoeding van EUR 0,3 miljoen. De goodwill voortvloeiend uit die investering bedroeg EUR 0,3 miljoen. Op jaareinde bestaat het deel van het segment autodistributie in die drie geassocieerde ondernemingen uit:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Aandeel in bruto activa | 36,8 | 37,1 |
| Aandeel in bruto verplichtingen | -32,8 | -33,8 |
| Aandeel in netto activa | 4,0 | 3,3 |
| Aandeel in de verkopen | 12,2 | 11,3 |
| Aandeel in winst (verlies) | 0,5 | 0,7 |
Mercury Car Rental Ltd is een geassocieerde onderneming van Avis Europe plc voor 33% die instaat voor verhuringen op korte termijn in India onder het merk Avis. Op het einde van het jaar bestaat het deel van het segment autoverhuur in die geassocieerde onderneming uit:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Aandeel in bruto activa (incl. goodwill) | 3,0 | 3,4 |
| Aandeel in bruto verplichtingen | -2,5 | -2,6 |
| Aandeel in netto activa | 0,5 | 0,8 |
| Aandeel in de verkopen | 4,1 | 3,7 |
| Aandeel in winst (verlies) | -0,2 | -0,3 |
Anji Car Rental and Leasing Company Ltd en OKIGO zijn joint ventures van Avis Europe plc voor 50% die instaan voor verhuringen op korte termijn onder het merk Avis respectievelijk in China en in Frankrijk. Op jaareinde bestaat het deel van het segment autoverhuur in deze joint ventures uit:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Aandeel in vaste activa (incl. goodwill) | 38,8 | 27,4 |
| Aandeel in vlottende activa | 9,7 | 4,7 |
| Aandeel in kortlopende verplichtingen | -32,7 | -20,7 |
| Aandeel in netto activa | 15,8 | 11,4 |
| Aandeel in de verkopen | 26,1 | 19,9 |
| Aandeel in winst (verlies) | 2,5 | 0,4 |
Belastinglasten bestaan uit de volgende elementen:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- distri- butie |
Auto- verhuur |
Voertuig- begla- zing |
Groep | Auto- distri- butie |
Auto- verhuur |
Voertuig- begla- zing |
Groep | |
| Actuele belastingen van het boekjaar | -0,5 | -18,5 | -40,2 | -59,2 | -0,3 | -19,9 | -35,4 | -55,6 |
| Actuele belastingen van vorige boekjaren | - | - | -1,2 | -1,2 | 0,6 | - | 0,8 | 1,4 |
| Verandering in de uitgestelde belastingen | -3,5 | 1,9 | -12,7 | -14,3 | -2,7 | 19,9 | 4,0 | 21,2 |
| Belastinglasten | -4,0 | -16,6 | -54,1 | -74,7 | -2,4 | - | -30,6 | -33,0 |
| bestaande uit: courante elementen | -3,4 | -23,1 | -59,8 | -86,3 | -1,7 | -10,4 | -31,9 | -44,0 |
| ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen (zie toelichting 9) |
-0,6 | 6,5 | 5,7 | 11,6 | -0,7 | 10,4 | 1,3 | 11,0 |
Het verband tussen de belastinglasten en het boekhoudkundige resultaat wordt hieronder verklaard:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- distri- butie |
Auto- verhuur |
Voertuig- begla- zing |
Groep | Auto- distri- butie |
Auto- verhuur |
Voertuig- begla- zing |
Groep | |
| Resultaat vóór belastingen | 67,9 | 33,7 | 206,5 | 308,1 | 43,3 | -9,3 | 181,2 | 215,2 |
| Belasting tegen het Belgische vennootschapsbelastingpercentage (33,99%) |
-23,1 | -11,5 | -70,2 | -104,8 | -14,7 | 3,2 | -61,6 | -73,1 |
| Verzoenende elementen (som van alle elementen hieronder geïdentificeerd door (a) en (b)) |
19,1 | -5,1 | 16,1 | 30,1 | 12,3 | -3,2 | 31,0 | 40,1 |
| Belastinglasten op resultaat vóór belastingen | -4,0 | -16,6 | -54,1 | -74,7 | -2,4 | - | -30,6 | -33,0 |
De verzoenende elementen worden hieronder opgesomd:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- distributie |
Auto- verhuur |
Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie |
Auto- verhuur |
Voertuig- beglazing |
Groep | ||
| Courant resultaat vóór belastingen | 64,6 | 48,7 | 226,6 | 339,9 | 42,7 | 35,1 | 187,0 | 264,8 | |
| Belasting tegen het Belgische vennootschapsbelastingpercentage (33,99%) |
-22,0 | -16,5 | -77,0 | -115,5 | -14,5 | -12,0 | -63,6 | -90,1 | |
| Verschil in belastingpercentage | (a) | - | 4,9 | 1,5 | 6,4 | - | 6,4 | -1,8 | 4,6 |
| Permanente verschillen | (a) | 14,7 | -3,6 | 14,3 | 25,4 | 21,3 | 0,1 | 25,5 | 46,9 |
| Gebruik van fiscale verliezen | (a) | 4,7 | 9,2 | 0,7 | 14,6 | - | 1,5 | 1,4 | 2,9 |
| Overige tijdelijke verschillen | (a) | - | - | - | - | 0,1 | - | - | 0,1 |
| Aanpassingen mbt vorige boekjaren | (a) | - | -1,6 | -4,7 | -6,3 | 0,9 | 1,8 | -5,9 | -3,2 |
| Niet erkende uitgestelde belastingvorderingen | (a) | -2,6 | -14,4 | -6,7 | -23,7 | -9,2 | -9,0 | -1,2 | -19,4 |
| Opname van aanvankelijk niet erkende uitgestelde belastingvorderingen |
(a) | 3,3 | - | 12,1 | 15,4 | 1,0 | - | 13,7 | 14,7 |
| Impact van de dividenden | (a) | -1,5 | - | - | -1,5 | -1,0 | - | - | -1,0 |
| Overige | (a) | - | -1,1 | - | -1,1 | -0,3 | 0,8 | - | 0,5 |
| Belastinglasten op courant resultaat vóór belastingen |
-3,4 | -23,1 | -59,8 | -86,3 | -1,7 | -10,4 | -31,9 | -44,0 | |
| Reëel belastingpercentage op het courante resultaat vóór belastingen |
5% | 47% | 26% | 25% | 4% | 30% | 17% | 17% | |
| Ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen in courant resultaat vóór belastingen |
3,3 | -15,0 | -20,1 | -31,8 | 0,6 | -44,4 | -5,8 | -49,6 | |
| Belasting tegen het Belgische vennootschapsbelastingpercentage (33,99%) |
-1,1 | 5,1 | 6,8 | 10,8 | -0,2 | 15,1 | 2,0 | 16,9 | |
| Verschil in belastingpercentage | (b) | - | -0,4 | -1,1 | -1,5 | - | -1,8 | -0,7 | -2,5 |
| Permanente verschillen | (b) | - | 1,3 | - | 1,3 | - | -0,3 | - | -0,3 |
| Gebruik van fiscale verliezen | (b) | - | 0,3 | - | 0,3 | - | -0,2 | - | -0,2 |
| Aanpassingen mbt vorige boekjaren | (b) | - | 0,2 | - | 0,2 | - | - | - | - |
| Niet erkende uitgestelde belastingvorderingen | (b) | 0,5 | - | - | 0,5 | -0,5 | -4,9 | - | -5,4 |
| Overige | (b) | - | - | - | - | - | 2,5 | - | 2,5 |
| Belastinglasten op ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen in courant resultaat vóór belastingen |
-0,6 | 6,5 | 5,7 | 11,6 | -0,7 | 10,4 | 1,3 | 11,0 |
Courant resultaat na belastingen ("courant PAT") bestaat uit het resultaat uit voortgezette activiteiten, zoals voorgesteld in de winsten verliesrekening (of het resultaat van de periode wanneer er geen bedrijfsactiviteit beëindigd wordt), exclusief ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen zoals gedefinieerd in toelichting 2, en exclusief hun impact op de belastingen.
Courant resultaat vóór belastingen ("courant PBT") bestaat uit het resultaat vóór belastingen, zoals voorgesteld in de winst- en verliesrekening, exclusief ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen zoals gedefinieerd in toelichting 2.
Courant PAT, groepsaandeel, en courant PBT, groepsaandeel, sluiten het aandeel van de aandeelhouders zonder zeggenschap uit in het courante PAT en het courante PBT.
Het courante resultaat is een prestatie-indicator niet gedefinieerd door de IFRS-normen. De groep beschouwt het courante resultaat niet als een alternatief voor financiële waarderingen bepaald in overeenstemming met IFRS. Het courante resultaat zoals weergegeven door de groep kan verschillen van gelijkaardige waarderingen van andere vennootschappen. De groep maakt gebruik van het concept "courant resultaat" om haar onderliggende prestatie uit te drukken.
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- distributie |
Auto- verhuur |
Voertuig- beglazing |
Groep | Auto distributie |
Auto- verhuur |
Voertuig- beglazing |
Groep | |||||
| Van het resultaat vóór belastingen tot het courante PBT, groepsaandeel: |
||||||||||||
| Resultaat vóór belastingen | 67,9 | 33,7 | 206,5 | 308,1 | 43,3 | -9,3 | 181,2 | 215,2 | ||||
| Min: ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen in het resultaat vóór belastingen: |
||||||||||||
| Waardeaanpassingen van financiële instrumenten |
-4,7 (a) | -1,3 (c) | -1,3 | (f) | -7,3 | -1,4 (a) | -1,3 (c) | -9,5 | (f) | -12,2 | ||
| Waardeaanpassingen van verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap |
1,4 (b) | - | - | 1,4 | - | - | - | - | ||||
| Omrekeningsverschillen | - | 2,0 (d) | - | 2,0 | - | 2,5 (d) | - | 2,5 | ||||
| Afschrijving van de Avis-licentierechten | - | 13,7 | - | 13,7 | - | 13,7 | - | 13,7 | ||||
| Afschrijving van de klantencontracten | - | - | 6,3 (g) | 6,3 | - | - | 5,4 (g) | 5,4 | ||||
| Afschrijving van merken met een beperkte gebruiksduur |
- | - | 8,7 (h) | 8,7 | - | - | 5,2 (h) | 5,2 | ||||
| Overige ongebruikelijke elementen | - | 0,6 (e) | 6,4 | (i) | 7,0 | 0,8 | 29,5 (e) | 4,7 | (i) | 35,0 | ||
| Courant PBT | 64,6 | 48,7 | 226,6 | 339,9 | 42,7 | 35,1 | 187,0 | 264,8 | ||||
| Belangen zonder zeggenschap in courant PBT | 0,3 | -19,5 | -15,3 | -34,5 | 0,2 | -14,2 | -36,6 | -50,6 | ||||
| Courant PBT, groepsaandeel | 64,9 | 29,2 | 211,3 | 305,4 | 42,9 | 20,9 | 150,4 | 214,2 | ||||
| Van courant PBT, groepsaandeel, tot courant PAT, groepsaandeel: |
||||||||||||
| Courant PBT, groepsaandeel | 64,9 | 29,2 | 211,3 | 305,4 | 42,9 | 20,9 | 150,4 | 214,2 | ||||
| Aandeel van de groep in het courante resultaat van entiteiten verwerkt volgens de "equity"- methode |
0,5 | 1,4 | - | 1,9 | 0,7 | 0,1 | - | 0,8 | ||||
| Belasting op courant PBT, groepsaandeel | -3,4 | -13,9 | -55,8 | -73,1 | -1,7 | -6,2 | -24,3 | -32,2 | ||||
| Courant PAT, groepsaandeel | 62,0 | 16,7 | 155,5 | 234,2 | 41,9 | 14,8 | 126,1 | 182,8 | ||||
| Van courant PAT, groepsaandeel, tot courant resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij: |
||||||||||||
| Courant PAT, groepsaandeel | 62,0 | 16,7 | 155,5 | 234,2 | 41,9 | 14,8 | 126,1 | 182,8 | ||||
| Aandeel van de groep in de courante beëindigde bedrijfsactiviteiten |
- | - | - | - | - | - | - | - | ||||
| Courant resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstru menten van de moedermaatschappij |
62,0 | 16,7 | 155,5 | 234,2 | 41,9 | 14,8 | 126,1 | 182,8 |
(e) Overige ongebruikelijke elementen van het segment autoverhuur worden hieronder beschreven:
De lijn "overige niet-geldelijke posten" bevatte in 2010, onder andere, de aanwending van de voorziening die vroeger werd aangelegd om het incentiveplan op lange termijn voor het management van het segment voertuigbeglazing te dekken.
De lijn "verwerving van belangen van aandeelhouders zonder zeggenschap" bevatte in 2010 de belangen van aandeelhouders zonder zeggenschap (aangeschaft door het segment autodistributie) in twee geassocieerde ondernemingen die actief zijn in "smart repair" (zie toelichting 7). In 2009 werd op die lijn de uitoefening door Cobepa van zijn verkoopopties op 16,35% van het aandelenkapitaal van Belron voorgesteld.
In 2010 bevatte de lijn "vervreemding van belangen van aandeelhouders zonder zeggenschap" de verkoop van 1% van het eigen vermogen van Belron aan de familieholding van de CEO van Belron in mei 2010. Vervolgens bedroeg het aandeel van de groep in Belron 92,73%.
De lijn "verwerving van dochterondernemingen" bevat voor de periode tot 31 december 2010, onder andere, de bedrijfscombinaties weergegeven in toelichting 12.
In juli 2010 kondigde Avis Europe een kapitaalverhoging van EUR 179,2 miljoen (na aftrek van kosten) aan door een uitgifte van 9 voorkeurrechten voor 8 bestaande aandelen met een intekenprijs van 15 pence per nieuw aandeel. D'Ieteren tekende in voor het geheel van zijn rechten (d.w.z. EUR 110,3 miljoen) waardoor zijn 59,6% aandeelhouderschap in Avis Europe niet veranderde. In het geconsolideerde kasstroomoverzicht werd alleen het ingeschreven aandeel van de aandeelhouders zonder zeggenschap van Avis Europe op de lijn "Contante netto ontvangsten uit de uitgifte van eigen-vermogensinstrumenten" weergegeven. De contante netto ontvangsten werden door Avis Europe gebruikt om leningen te verminderen en om de kredietratio's te verbeteren.
Het resultaat per aandeel ("EPS") wordt hierboven vermeld in de geconsolideerde winst- en verliesrekening. Het resultaat per aandeel uit voortgezette bedrijfsactiviteiten ("Voortgezette EPS") is gelijk aan de EPS en wordt bijgevolg niet in de geconsolideerde winst- en verliesrekening voorgesteld. Het gewone resultaat en het verwaterde resultaat per aandeel zijn gebaseerd op het resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij, na aanpassing mbt de winstaandelen (elk winstaandeel heeft een stemrecht en geeft recht op een dividend dat gelijk is aan één achtste van het dividend van een gewoon aandeel). Courante EPS, die geen ongebruikelijke elementen en waardeaanpassingen bevatten zoals gedefinieerd in toelichting 9, worden gegeven om de onderliggende prestatie te onderstrepen.
Het gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen in omloop voor de periode wordt in de onderstaande tabel weergegeven.
De groep heeft opties op gewone aandelen van de moedermaatschappij en van Avis Europe plc toegekend aan werknemers. Zulke opties vormen de enige bron van potentiële verwatering van de gewone aandelen.
De opties op gewone aandelen van Avis Europe plc vermeerderden het gewogen gemiddelde aantal aandelen van Avis Europe plc in 2010 aangezien sommige prestatievoorwaarden werden gehaald en de marktprijs van de aandelen hoger werd dan de uitoefenprijs van de opties. Die opties hadden geen effect in 2009 op de resultaten per aandeel aangezien de uitoefenprijs van de opties hoger is gebleven dan de marktprijs van de aandelen ofwel omdat de voorwaarden aan dewelke de uitoefening van die opties onderworpen waren niet gehaald werden op het einde van de periode.
De opties op de gewone aandelen van de moedermaatschappij vermeerderden het gewogen gemiddelde aantal aandelen van de moedermaatschappij in 2009 en 2010 aangezien sommige uitoefenprijzen van opties lager dan de marktprijs van de aandelen waren. Die opties zijn verwaterend. De berekening van het gewone en het verwaterde EPS ziet eruit als volgt:
| 2010 | 2009(1) | ||
|---|---|---|---|
| Resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten | 218,8 | 158,5 | |
| Aanpassing mbt de winstaandelen | -2,5 | -1,7 | |
| Teller voor EPS (in miljoen EUR) | (a) | 216,3 | 156,8 |
| Courant resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten | 234,2 | 182,8 | |
| Aanpassing mbt de winstaandelen | -2,6 | -2,1 | |
| Teller voor courant EPS (in miljoen EUR) | (b) | 231,6 | 180,7 |
| Resultaat van de voortgezette bedrijfsactiviteiten | 236,2 | 183,0 | |
| Aandeel van belangen zonder zeggenschap in het resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | -17,4 | -24,5 | |
| Resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten | 218,8 | 158,5 | |
| Aanpassing mbt de winstaandelen | -2,5 | -1,7 | |
| Teller voor EPS uit voortgezette bedrijfsactiviteiten (in miljoen EUR) | (c) | 216,3 | 156,8 |
| Courant resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | 256,4 | 221,6 | |
| Aandeel van belangen zonder zeggenschap in het courante resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten | -22,2 | -38,8 | |
| Courant resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten toerekenbaar aan houders van eigen vermogensinstrumenten ("Courant PAT, groepsaandeel" zoals gedefinieerd in toelichting 9) |
234,2 | 182,8 | |
| Aanpassing mbt de winstaandelen | -2,6 | -2,1 | |
| Teller voor courant EPS uit voortgezette bedrijfsactiviteiten (in miljoen EUR) | (d) | 231,6 | 180,7 |
| Gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen voor de periode | (e) | 54.427.166 | 54.288.410 |
| Aanpassing mbt de aandelenoptieplannen | 344.461 | 90.270 | |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen in rekening genomen voor het verwaterde EPS | (f) | 54.771.627 | 54.378.680 |
| Resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten | |||
| Gewoon per aandeel (in EUR) | (a)/(e) | 3,97 | 2,89 |
| Verwaterd per aandeel (in EUR) | (a)/(f) | 3,95 | 2,88 |
| Gewoon courant per aandeel (in EUR) | (b)/(e) | 4,26 | 3,33 |
| Verwaterd courant per aandeel (in EUR) | (b)/(f) | 4,23 | 3,32 |
| Resultaat uit de voortgezette bedrijfsactiviteiten toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten | |||
| Gewoon voortgezet per aandeel (in EUR) | (c)/(e) | 3,97 | 2,89 |
| Verwaterd voortgezet per aandeel (in EUR) | (c)/(f) | 3,95 | 2,88 |
| Gewoon courant voortgezet per aandeel (in EUR) | (d)/(e) | 4,26 | 3,33 |
| Verwaterd courant voortgezet per aandeel (in EUR) | (d)/(f) | 4,23 | 3,32 |
(1) na aanpassing na de splitsing van het aandeel (zie toelichting 2.1).
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Boekwaarde op 1 januari | 939,8 | 852,0 |
| Toevoegingen | 26,5 | 15,2 |
| Vermeerdering voortvloeiend uit de verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap (zie toelichting 33) | 25,8 | 71,0 |
| Aanpassingen | -6,3 | -1,5 |
| Omrekeningsverschillen | 18,8 | 3,1 |
| Boekwaarde op 31 december | 1.004,6 | 939,8 |
De toevoegingen voortvloeiend uit de bedrijfscombinaties die in de periode hebben plaatsgevonden worden gedetailleerd in toelichting 12.
De vermeerdering voortvloeiend uit de verkoopopties bevat de bijkomende goodwill geboekt op het einde van het jaar om de veranderingen in de uitoefenprijs van de desbetreffende opties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap en de boekwaarde van de desbetreffende belangen zonder zeggenschap weer te geven. In 2009 bevatte de vermeerdering voortvloeiend uit de verkoopopties de bijkomende goodwill voortvloeiend uit de uitoefening door Cobepa op 1 september 2009 van zijn verkoopopties (16,35% van het aandelenkapitaal van Belron).
De aanpassingen komen voort uit de verdere wijzigingen in de reële waarde van de netto activa (voornamelijk de erkenning in de VS van de immateriële activa met beperkte gebruiksduren – zie toelichting 13) en verdere wijzigingen van uitgestelde betalingen met betrekking tot de overnames van het segment voertuigbeglazing in 2009.
Overeenkomstig de vereisten van IAS 36 "Bijzondere waardevermindering van activa", heeft de groep een herziening van de boekwaarde van de goodwill en de overige immateriële vaste activa met onbepaalde gebruiksduren (zie toelichting 13) uitgevoerd op ieder jaareind. De herziening voor bijzondere waardeverminderingsverliezen, gebaseerd op de berekening van de bedrijfswaarde, werd uitgevoerd om te verzekeren dat de boekwaarde van de activa van de groep is opgenomen tegen een bedrag dat niet hoger is dan zijn realiseerbare waarde, zijnde de hoogste waarde van (i) de reële waarde minus de verkoopkosten en (ii) de bedrijfswaarde.
Bij de bepaling van de bedrijfswaarde heeft de groep de contante waarde berekend van de geraamde toekomstige kasstromen die zouden kunnen voortvloeien uit het constante gebruik van de activa en daarvoor een disconteringsvoet vóór belastingen tussen 8% en 9% (2009: tussen 7% en 9%) gebruikt. De gebruikte disconteringsvoet is gebaseerd op de gewogen gemiddelde kost van kapitaal van elk segment met bijhorende aanpassing voor de relevante risico's verbonden met de activiteiten. Geraamde toekomstige kasstromen zijn gebaseerd op langetermijn plannen (d.w.z. over 4 tot 5 jaar) voor alle kasstroomgenererende eenheden, met extrapolatie voor de komende jaren op basis van groeipercentages op lange termijn voor de individuele kasstroomgenererende eenheden. Dit groeipercentage wordt vastgelegd tussen 2% en 4% (2009: tussen 2% en 4%) voor de meeste eenheden, inclusief degene die de belangrijkste goodwill en immateriële vaste activa met onbepaalde gebruiksduren bevatten.
Toekomstige kasstromen zijn ramingen die waarschijnlijk herzien zullen worden in toekomstige perioden als de onderliggende veronderstellingen veranderen. De belangrijkste veronderstellingen die de waarde van de goodwill en van de immateriële vaste activa met onbepaalde gebruiksduren ondersteunen bevatten langetermijn interestvoeten en andere marktgegevens. In het geval dat die veronderstellingen ongunstig variëren in de toekomst, zou de bedrijfswaarde van de goodwill en de immateriële vaste activa met onbepaalde gebruiksduren kunnen verminderen en lager worden dan hun boekwaarde. Op basis van actuele waarderingen, blijkt er voldoende ruimte om een normale variatie van de onderliggende veronderstellingen te kunnen absorberen.
De toerekening van de goodwill aan kasstroomgenererende eenheden wordt hieronder beschreven (de toerekening van de overige immateriële vaste activa met onbepaalde gebruiksduren wordt gegeven in toelichting 13):
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Autodistributie | 2,6 | 2,6 |
| Autoverhuur | ||
| Frankrijk | 0,2 | 0,2 |
| Subtotaal autoverhuur | 0,2 | 0,2 |
| Voertuigbeglazing | ||
| Verenigd Koninkrijk | 97,1 | 96,5 |
| Frankrijk | 70,7 | 64,8 |
| Italië | 54,2 | 54,2 |
| Duitsland | 47,8 | 47,8 |
| Canada | 40,3 | 37,4 |
| Nederland | 29,1 | 29,1 |
| België | 27,1 | 27,1 |
| Australië | 24,8 | 24,8 |
| Verenigde Staten | 123,5 | 117,3 |
| Spanje | 17,9 | 15,7 |
| Noorwegen | 7,0 | 6,9 |
| Nieuw-Zeeland | 6,4 | 6,4 |
| Griekenland | 3,8 | 3,8 |
| Zweden | 4,5 | 4,0 |
| Zwitserland | 2,1 | 2,0 |
| Portugal | 1,2 | 1,2 |
| Denemarken | 5,2 | 5,2 |
| Brazilië | 26,6 | 21,2 |
| China | 2,9 | 1,0 |
| Rusland | 8,4 | - |
| Turkije | 4,8 | - |
| Niet toegerekend | 396,4 | 370,6 |
| Subtotaal voertuigbeglazing | 1.001,8 | 937,0 |
| GROEP | 1.004,6 | 939,8 |
Het niet toegerekende bedrag in het segment voertuigbeglazing vloeit voort uit de overname van Belron door de groep in 1999, uit de transacties aangegaan met de aandeelhouders zonder zeggenschap van Belron sedert 1999 en uit de erkenning van de verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap van Belron als gevolg van de invoering van IAS 32 vanaf 1 januari 2005 (zie toelichting 33).
De groep past de herziene versie van de IFRS-norm 3 "Bedrijfscombinaties" toe vanaf 1 januari 2010.
De bijkomende verkopen voortvloeiend uit deze overnames bedragen circa EUR 32 miljoen (circa EUR 41 miljoen als deze op de eerste dag van de periode hadden plaatsgevonden). De resultaten voortvloeiend uit deze overnames (zelfs als ze op de eerste dag van de periode hadden plaatsgevonden) worden niet als materieel beschouwd voor de groep en worden bijgevolg niet apart bekendgemaakt.
De details van de netto verworven activa, goodwill en vergoeding van de overnames worden hieronder beschreven:
| in miljoen EUR | Boek- | Aan- Voorlopige | |
|---|---|---|---|
| waarde | passing(1) | reële | |
| waarde(2) | |||
| Merken | - | 1,1 | 1,1 |
| Overige immateriële vaste activa | - | 0,4 | 0,4 |
| Overige materiële vaste activa | 1,3 | - | 1,3 |
| Voorraden | 6,1 | - | 6,1 |
| Actuele belastingvorderingen | 0,2 | - | 0,2 |
| Handelsvorderingen en overige vorderingen | 7,6 | - | 7,6 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 1,5 | - | 1,5 |
| Langlopende leningen | -1,4 | - | -1,4 |
| Handelsschulden en nog te betalen posten | -7,0 | - | -7,0 |
| Netto verworven activa | 8,3 | 1,5 | 9,8 |
| Goodwill (zie toelichting 11) | 26,5 | ||
| VERGOEDING | 36,3 | ||
| Uitsplitsing van de vergoeding: |
| Contante betaling | 25,4 |
|---|---|
| Schatting van de reële waarde van de uitgestelde betalingen ivm de overnames | 10,9 |
| 36,3 |
(1) Reële waarde en aanpassingen van de grondslagen voor de financiële verslaggeving.
(2) De aangegeven reële waarden zijn voorlopig aangezien het integratieproces van de verworven entiteiten en hun activiteiten nog aan de gang is.
De hierboven erkende goodwill weerspiegelt de voorziene synergieën en andere beloningen voortvloeiend uit de combinatie van de overgenomen activiteiten en die van Belron.
De reële waarde van de handelsvorderingen en overige vorderingen bedraagt EUR 7,6 miljoen en verwacht wordt dat het volledige bedrag geïnd kan worden.
Bijhorende overnamekosten van EUR 1,0 miljoen zijn in de geconsolideerde winst-en verliesrekening opgenomen.
De goodwill op de overnames van 2009 werd verminderd met EUR 6,3 miljoen, wat aanpassingen aan de reële waarde van de initiële waarderingen weergegeven in toelichting 12 van de geconsolideerde jaarrekening 2009 weerspiegelt. Deze vermindering komt voornamelijk voort uit veranderingen in de reële waarde van de netto verworven activa.
De goodwill wordt geanalyseerd in toelichting 11. Alle overige immateriële vaste activa hebben beperkte gebruiksduren, tenzij anders gespecificeerd.
| in miljoen EUR | Avis- | Andere | Merken | Klanten- | Computer | Immate- | Overige | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| licentie- | licenties | (met | contracten | software | riële | |||
| rechten | en gelijk- | beperkte en | vaste | |||||
| aardige | onbepaalde | activa in | ||||||
| rechten | gebruiks- | ontwikkeling | ||||||
| duur) | ||||||||
| Bruto bedrag op 1 januari 2010 | 711,5 | 0,4 | 336,1 | 50,9 | 123,3 | - | 0,3 | 1.222,5 |
| Gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen op 1 januari 2010 |
-345,2 | -0,4 | -7,7 | -14,8 | -77,9 | - | -0,3 | -446,3 |
| Boekwaarde op 1 januari 2010 | 366,3 | - | 328,4 | 36,1 | 45,4 | - | - | 776,2 |
| Toevoegingen: | ||||||||
| Interne ontwikkeling | - | - | - | - | 1,0 | - | - | 1,0 |
| Apart aangeworven elementen | - | - | - | - | 32,3 | - | - | 32,3 |
| Vervreemdingen | - | - | - | - | -0,1 | - | - | -0,1 |
| Afschrijvingen | -13,7 | - | -8,7 | -6,3 | -16,6 | - | - | -45,3 |
| Transfer van (naar) een andere categorie | - | - | 2,3 | 2,5 | 5,7 | - | - | 10,5 |
| Elementen aangeworven door bedrijfscombinaties | - | - | 1,1 | 0,4 | - | - | - | 1,5 |
| Omrekeningsverschillen | - | - | 9,5 | 3,8 | 2,8 | - | - | 16,1 |
| Boekwaarde op 31 december 2010 | 352,6 | - | 332,6 | 36,5 | 70,5 | - | - | 792,2 |
| bestaande uit: bruto bedrag | 711,5 | 0,4 | 349,2 | 59,2 | 165,4 | - | 0,3 | 1.286,0 |
| gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen |
-358,9 | -0,4 | -16,6 | -22,7 | -94,9 | - | -0,3 | -493,8 |
| Bruto bedrag op 1 januari 2009 | 711,5 | 0,4 | 337,8 | 51,8 | 105,0 | 1,9 | 0,3 | 1.208,7 |
| Gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen op 1 januari 2009 |
-331,5 | -0,4 | -2,6 | -9,8 | -59,9 | - | -0,3 | -404,5 |
| Boekwaarde op 1 januari 2009 | 380,0 | - | 335,2 | 42,0 | 45,1 | 1,9 | - | 804,2 |
| Toevoegingen: | ||||||||
| Interne ontwikkeling | - | - | - | - | - | 0,9 | - | 0,9 |
| Apart aangeworven elementen | - | - | - | - | 13,3 | - | - | 13,3 |
| Vervreemdingen | - | - | - | - | -1,3 | - | - | -1,3 |
| Afschrijvingen | -13,7 | - | -5,2 | -5,4 | -16,9 | - | - | -41,2 |
| Transfer van (naar) een andere categorie | - | - | 1,1 | 0,7 | 2,8 | -2,8 | - | 1,8 |
| Omrekeningsverschillen | - | - | -2,7 | -1,2 | 2,4 | - | - | -1,5 |
| Boekwaarde op 31 december 2009 | 366,3 | - | 328,4 | 36,1 | 45,4 | - | - | 776,2 |
| bestaande uit: bruto bedrag | 711,5 | 0,4 | 336,1 | 50,9 | 123,3 | - | 0,3 | 1.222,5 |
| gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen |
-345,2 | -0,4 | -7,7 | -14,8 | -77,9 | - | -0,3 | -446,3 |
In 2010 heeft de Raad van Bestuur van de moedermaatschappij de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid Avis Europe bestudeerd zoals vereist door IAS 36 "Bijzondere waardevermindering van activa" met de bedrijfswaarde berekend op basis van de laatste vooruitzichten op vijf jaar van Avis Europe, met extrapolatie voor de jaren daarna. Aangezien de resulterende waardering heel gevoelig is voor een aantal veronderstellingen, bevestigt de Raad van Bestuur van de moedermaatschappij dat de boekwaarde van de kasstroomgenererende eenheid Avis Europe opgenomen is tegen een bedrag dat niet hoger is dan zijn bedrijfswaarde. In 2009 werd dezelfde analyse gemaakt welke tot dezelfde conclusie leidde.
De oorsprong van de merken met onbepaalde gebruiksduur wordt gegeven in de samenvatting van de grondslagen voor de financiële verslaggeving in toelichting 2. De toename van de merken en klantencontracten weerspiegelt de bedrijfscombinaties van 2010 (zie toelichting 12) en de aanpassingen aan de reële waarde van de initiële waardering van de activiteiten aangeschaft in 2009 door het segment voertuigbeglazing. De merken met beperkte gebruiksduren worden lineair afgeschreven over hun resterende gebruiksduur aangezien er een voorzienbare einde bestaat van de periode waarin die activa verondersteld worden positieve kasstromen te zullen genereren. De afschrijvingen voor 2010 bedroegen EUR 8,7 miljoen (2009: EUR 5,2 miljoen). De boekwaarde van de merken met een beperkte gebruiksduur bedroeg op 31 december 2010 EUR 2,3 miljoen (2009: EUR 7,4 miljoen) terwijl de boekwaarde van de merken met onbepaalde gebruiksduur EUR 330,3 miljoen (2009: EUR 321,0 miljoen) bedroeg.
De toerekening van de merken (met onbepaalde gebruiksduren) aan kasstroomgenererende eenheden in het segment voertuigbeglazing wordt hieronder beschreven:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Verenigd Koninkrijk | 67,9 | 67,9 |
| Frankrijk | 61,9 | 61,9 |
| Duitsland | 34,8 | 34,8 |
| Nederland | 24,2 | 24,2 |
| België | 18,1 | 18,1 |
| Canada | 15,3 | 15,3 |
| Verenigde Staten | 95,8 | 86,5 |
| Spanje | 9,1 | 9,1 |
| Portugal | 2,9 | 2,9 |
| Italië | 0,3 | 0,3 |
| Boekwaarde van de merken | 330,3 | 321,0 |
De andere elementen die bekendgemaakt moeten worden volgens IAS 36 voor de immateriële vaste activa met onbepaalde gebruiksduren worden gegeven in toelichting 11. Op basis van huidige waarderingen (zie toelichting 11), blijkt er voldoende ruimte te bestaan om een normale variatie van de onderliggende veronderstellingen te kunnen absorberen.
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Bruto bedrag op 1 januari | 910,5 | 980,9 |
| Gecumuleerde afschrijvingen op 1 januari | -238,6 | -199,5 |
| Boekwaarde op 1 januari | 671,9 | 781,4 |
| Toevoegingen | 571,5 | 470,2 |
| Afschrijvingen | -166,8 | -184,8 |
| Transfer naar voorraden | -456,1 | -403,4 |
| Transfer van (naar) vlottende activa | 31,8 | 6,2 |
| Omrekeningsverschillen | 6,0 | 2,3 |
| Boekwaarde op 31 december | 658,3 | 671,9 |
| bestaande uit: bruto bedrag | 865,4 | 910,5 |
| gecumuleerde afschrijvingen | -207,1 | -238,6 |
Voertuigen waarvoor een financiële leaseovereenkomst wordt afgesloten zijn hierboven opgenomen (alleen in het segment autoverhuur) voor de volgende bedragen:
| 2010 | EUR | 40 miljoen | |
|---|---|---|---|
| 2009 | EUR | 54 miljoen |
De voertuigen die deel uitmaken van de vloot van het segment autodistributie worden verhuurd in België door s.a. D'Ieteren Lease n.v. ("D'Ieteren Lease"), een 100% dochteronderneming van de groep. Alle verhuringen zijn operationele leases. De verhuurtermijn bedraagt gemiddeld 44 maanden (2009: 44 maanden). De gemiddelde grootte van de vloot bedraagt:
| 2010 | 20.712 voertuigen |
|---|---|
| 2009 | 22.404 voertuigen |
In 2010 werd de financiering van het effectiseringsprogramma van de vloot van D'Ieteren Lease verlengd tot december 2011 aan gunstige voorwaarden. In juni 2009 werd het oorspronkelijke programma van 2006 met succes hernieuwd voor een bijkomende periode van drie jaar en voor een maximum bedrag van EUR 310 miljoen. Deze effectisering, die deel uitmaakt van de diversificatiestrategie van de financieringsbronnen van de groep, bestaat uit de uitgifte van obligaties aan professionele investeerders. Deze effectisering had geen impact op de nettoschuld van de groep (dit programma zijnde een substituut tegenover andere externe financieringsbronnen). De boekwaarde van de obligaties verandert wanneer nieuwe leasingcontracten worden afgesloten en wanneer de bestaande vervallen. De terugbetaling van de obligaties en de betaling van interesten worden gedekt door de leasebetalingen door de klanten en de herverkoop van de voertuigen. Dankzij dit programma volgt de boekwaarde van de obligaties de evolutie van de boekwaarde van de vloot tot de derde verjaardag van de hernieuwing (of achttien maanden na de hernieuwing zonder verlenging van de financiering van het programma). Vanaf dan begint de afschrijving, in lijn met het verstrijken van de onderliggende leasingcontracten. De effectisering veroorzaakt geen verwijdering van elementen uit de balans. Verdere informatie inzake de effectisering wordt gegeven in toelichtingen 19, 25, 31 en 39.
De voertuigen die deel uitmaken van de vloot van het segment autoverhuur worden verhuurd door Avis Europe plc en haar dochterondernemingen in Europa. Alle verhuringen zijn operationele leases. De verhuurtermijn bedraagt gemiddeld 6 dagen (2009: 6 dagen). De gemiddelde grootte van de vloot (inclusief de voertuigen met een "buy-back" overeenkomst en onder operationele leases) bedraagt:
| 2010 | 98.581 voertuigen |
|---|---|
| 2009 | 100.034 voertuigen |
| in miljoen EUR | Onroerend | Installaties | Activa in | Totaal |
|---|---|---|---|---|
| goed | en uitrusting | aanbouw | ||
| Bruto bedrag op 1 januari 2010 | 399,9 | 498,0 | 3,2 | 901,1 |
| Gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen op 1 januari 2010 |
-172,4 | -309,6 | - | -482,0 |
| Boekwaarde op 1 januari 2010 | 227,5 | 188,4 | 3,2 | 419,1 |
| Toevoegingen | 32,0 | 103,1 | 7,9 | 143,0 |
| Vervreemdingen | -0,7 | -2,7 | - | -3,4 |
| Afschrijvingen | -23,5 | -69,4 | - | -92,9 |
| Transfer van (naar) een andere categorie | 0,4 | -6,2 | -2,3 | -8,1 |
| Elementen aangeworven door bedrijfscombinaties | - | 1,3 | - | 1,3 |
| Omrekeningsverschillen | 5,4 | 11,0 | - | 16,4 |
| Boekwaarde op 31 december 2010 | 241,1 | 225,5 | 8,8 | 475,4 |
| bestaande uit: bruto bedrag | 434,2 | 592,6 | 8,8 | 1.035,6 |
| gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen |
-193,1 | -367,1 | - | -560,2 |
| Bruto bedrag op 1 januari 2009 | 361,9 | 432,2 | 6,5 | 800,6 |
| Gecumuleerde afschrijvingen op 1 januari 2009 | -155,3 | -259,7 | - | -415,0 |
| Boekwaarde op 1 januari 2009 | 206,6 | 172,5 | 6,5 | 385,6 |
| Toevoegingen | 38,3 | 75,1 | 2,9 | 116,3 |
| Vervreemdingen | -0,7 | -4,2 | - | -4,9 |
| Afschrijvingen | -22,0 | -60,7 | -0,2 | -82,9 |
| Transfer van (naar) een andere categorie | 3,3 | 2,6 | -6,1 | -0,2 |
| Elementen aangeworven door bedrijfscombinaties | - | 2,1 | - | 2,1 |
| Bijzondere waardeverminderingsverliezen (zie toelichting 9) | -0,4 | -0,1 | - | -0,5 |
| Omrekeningsverschillen | 2,4 | 1,1 | 0,1 | 3,6 |
| Boekwaarde op 31 december 2009 | 227,5 | 188,4 | 3,2 | 419,1 |
| bestaande uit: bruto bedrag | 399,9 | 498,0 | 3,2 | 901,1 |
| gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingsverliezen |
-172,4 | -309,6 | - | -482,0 |
Op 31 december 2010 bevatten de activa in aanbouw hoofdzakelijk onroerende goederen in aanbouw in het segment autodistributie (EUR 8,6 miljoen) en in het segment autoverhuur (EUR 0,2 miljoen).
Activa waarvoor een financiële leaseovereenkomst wordt afgesloten zijn hierboven opgenomen voor de volgende bedragen:
| in miljoen EUR | Onroerend goed |
Installaties en uitrusting |
Activa in aanbouw |
Totaal |
|---|---|---|---|---|
| 31 december 2010 | - | 54,2 | - | 54,2 |
| 31 december 2009 | - | 45,1 | - | 45,1 |
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Bruto bedrag op 1 januari | 12,5 | 12,5 |
| Gecumuleerde afschrijvingen op 1 januari | -6,2 | -5,7 |
| Boekwaarde op 1 januari | 6,3 | 6,8 |
| Toevoegingen | - | - |
| Afschrijvingen | -0,5 | -0,5 |
| Boekwaarde op 31 december | 5,8 | 6,3 |
| bestaande uit: bruto bedrag | 12,5 | 12,5 |
| gecumuleerde afschrijvingen | -6,7 | -6,2 |
| Reële waarde | 9,2 | 9,1 |
De reële waarde wordt ondersteund door marktgegevens en is gebaseerd op een waardering uitgevoerd door een onafhankelijke taxateur die in het bezit is van een relevante en erkende beroepskwalificatie en beschikt over recente ervaring met de ligging en categorie van de vastgoedbeleggingen in het bezit van de groep. De laatste beschikbare waarderingen dateren van maart 2010. Alle vastgoedbeleggingen situeren zich in België en behoren tot het segment autodistributie.
Zie ook toelichtingen 5 en 39 voor andere informatie over vastgoedbeleggingen.
Voor verkoop beschikbare financiële activa zijn financiële activa met uitsluiting van derivaten die worden aangeduid als voor verkoop beschikbaar of die niet worden weergegeven als (i) leningen en vorderingen, (ii) tot einde looptijd aangehouden beleggingen of (iii) voor handelsdoeleinden aangehouden financiële activa.
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||
|---|---|---|---|---|
| Boek- | Reële | Boek- | Reële | |
| waarde | waarde | waarde | waarde | |
| Overige | 1,2 | 1,2 | 1,0 | 1,0 |
| Totaal voor verkoop beschikbare financiële activa | 1,2 | 1,2 | 1,0 | 1,0 |
De voor verkoop beschikbare financiële activa bevatten vooral belangen zonder zeggenschap in genoteerde ondernemingen (gemeten tegen reële waarde) en niet genoteerde ondernemingen (gemeten tegen aanschaffingswaarde minus eventuele gecumuleerde bijzondere waardeverminderingsverliezen, zijnde een benadering van hun reële waarde) aangehouden door de drie segmenten. Ze worden beschouwd als vaste activa en zullen waarschijnlijk niet verkocht worden binnen de 12 maanden. Ze kunnen echter gedeeltelijk of geheel verkocht worden in de nabije toekomst, afhankelijk van de opportuniteiten die zich voordoen.
Voor afdekking aangehouden derivaten zijn derivaten die aan de strikte criteria van IAS 39 voor de toepassing van hedge accounting beantwoorden. Ze vertegenwoordigen economische afdekkingen tegen risico's waaraan de groep blootgesteld wordt (zie toelichting 38).
Voor afdekking aangehouden derivaten worden als volgt in de balans voorgesteld:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Vaste activa | 4,8 | - |
| Vlottende activa | 0,1 | 0,8 |
| Langlopende verplichtingen | -17,3 | -41,8 |
| Kortlopende verplichtingen | -12,9 | -20,9 |
| Netto voor afdekking aangehouden derivaten | -25,3 | -61,9 |
Voor afdekking aangehouden derivaten worden als volgt geanalyseerd:
| CCIRS (ivm schulden) - zie hieronder | -9,0 | -46,4 |
|---|---|---|
| Rentevoetswaps (ivm schulden) | -12,4 | -13,0 |
| Termijncontracten in vreemde valuta (niet met schulden verbonden derivaten) | -3,2 | -1,2 |
| NDF contracten - zie hieronder | -0,7 | -1,3 |
| Netto voor afdekking aangehouden derivaten | -25,3 | -61,9 |
Alle voor afdekking aangehouden derivaten worden erkend in het segment autoverhuur en in het segment voertuigbeglazing.
In het segment autoverhuur dienen cross currency interestswaps ("CCIRS") met een gecumuleerd referentiebedrag van USD 240,0 miljoen (2009: USD 288,0 miljoen) om de onderhandse plaatsingen in USD van Avis Europe af te dekken. Het wisselkoersrisico voortvloeiend uit de lening uitgedrukt in USD wordt onderworpen aan aanpassingen van de reële waarde opgenomen in de balans tegen EUR -1,8 miljoen (2009: EUR -2,9 miljoen). De volledige aanpassing heeft betrekking tot afgedekte elementen die verschuldigd zijn na meer dan één jaar, dit zowel voor het huidige als voor het vorige jaar. Kasstroomafdekkingen van EUR 0,1 miljoen (2009: EUR 3,6 miljoen) komen voort uit de omrekening in EUR van de semestriële interestbetalingen in USD. De bedragen geboekt in eigen vermogen worden naar de winst- en verliesrekening overgeboekt a rato van de onderliggende interestbetalingen tussen het jaareinde en 2014. Er werd geen ineffectiviteit van deze afdekkingen geboekt op balansdatum.
In het segment autoverhuur werden rentevoetswaps met een gecumuleerd referentiebedrag van EUR 200,0 miljoen (2009: EUR 200,0 miljoen) met een gemiddelde vaste rentevoet van 4,03% (2009: 4,03%) gebruikt om de variabele trimestriële interestbetalingen voortkomend uit de "Senior Floating Rate Notes" uitgegeven door Avis Europe in 2006 en terugbetaalbaar in 2013 af te dekken. Het doel van de afdekking bestaat erin de leningen met variabele rentevoet om te zetten in leningen met vaste rentevoet en resulteert in kasstroomafdekkingen van EUR 11,4 miljoen (2009: EUR 11,8 miljoen). Kredietrisico's maken geen deel uit van de afdekking. Er werd geen materiële ineffectiviteit van deze afdekkingen geboekt op balansdatum.
Steeds in hetzelfde segment werden er termijncontracten in vreemde valuta gebruikt om de voorziene opbrengsten en betalingen in vreemde valuta af te dekken. Veranderingen in de reële waarde van deze termijncontracten in vreemde valuta worden als kasstroomafdekkingen in de hedging reserve in eigen vermogen erkend. Die bedragen worden daarna naar de winst- en verliesrekening overgebracht tussen één en 12 maanden na het jaareinde. Er werd geen materiële ineffectiviteit van deze afdekkingen geboekt op balansdatum.
In het segment voertuigbeglazing werden niet-leverbare valutatermijncontracten ("NDF contracten") met een nominaal bedrag van EUR 10,1 miljoen (2009: EUR 22,7 miljoen) gebruikt om de wisselkoersverschillen op de leningen in EUR in Brazilië af te dekken. De netto positie geboekt in eigen vermogen bedraagt EUR -0,7 miljoen (2009: EUR -1,3 miljoen).
In hetzelfde segment werden termijncontracten in vreemde valuta gebruikt om de kosten van de toekomstige grondstoffenaankopen te dekken. Deze contracten, die de voorwaarden voor hedge accounting vervullen, worden als kasstroomafdekkingen voorgesteld. Ze zullen zich binnen de 12 maanden na de datum van de geconsolideerde balans voordoen net als hun impact op de geconsolideerde winst- en verliesrekening. Het totale referentiebedrag van deze contracten bedroeg EUR 45,7 miljoen (2009: EUR 36,0 miljoen). De netto positie erkend in eigen vermogen bedroeg EUR -2,0 miljoen (2009: EUR -0,2 miljoen).
Dit segment gebruikte ook termijncontracten in vreemde valuta om de toekomstige interestkosten af te dekken. Deze contracten die de voorwaarden voor hedge accounting vervullen worden als kasstroomafdekkingen voorgesteld. Ze zullen zich binnen de 12 maanden na de datum van de geconsolideerde balans voordoen net als hun impact op de geconsolideerde winst- en verliesrekening. Het totale referentiebedrag van deze contracten bedroeg EUR 0,8 miljoen (2009: EUR 3,9 miljoen). De netto positie geboekt in eigen vermogen bedroeg nihil in 2010 (2009: EUR -0,3 miljoen).
Als onderdeel van zijn afdekkingspolitiek van netto investeringen, maakt het segment voertuigbeglazing gebruik van in valuta uitgedrukte leningen om een deel van zijn niet in euro uitgedrukte netto activa tegen waardeveranderingen voortvloeiend uit wisselkoerseffecten te beschermen. Er werd geen materiële ineffectiviteit van deze afdekkingen geboekt op balansdatum.
In het algemeen, wordt er voor alle segmenten verwacht dat het langlopende gedeelte van de voor afdekking aangehouden derivaten na meer dan 12 maanden geregeld wordt; het kortlopende gedeelte binnen de 12 maanden.
De reële waarden worden berekend op basis van waarderingstechnieken. De groep gebruikt verschillende methodes gebaseerd op veronderstellingen die de marktvoorwaarden op de balansdatum weerspiegelen. De reële waarde van de CCIRS en van de rentevoetswaps ("IRS") wordt berekend op basis van de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen. De reële waarde van de caps en collars wordt berekend dankzij waarderingsmodellen voor opties. De reële waarde van de termijncontracten in vreemde valuta wordt opgesteld op basis van de termijnwisselkoersen op de markt op balansdatum.
De referentiebedragen van de openstaande voor afdekking aangehouden derivaten bedragen:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| CCIRS (ivm schulden) | 183,0 | 200,9 |
| Rentevoetswaps (ivm schulden) | 200,0 | 200,0 |
| Termijncontracten in vreemde valuta (niet met schulden verbonden derivaten) | 80,6 | 97,7 |
Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten zijn derivaten die aan de strikte criteria van IAS 39 voor de toepassing van hedge accounting niet beantwoorden. Ze vertegenwoordigen echter economische afdekkingen tegen risico's waaraan de groep wordt blootgesteld (zie toelichting 38).
Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten worden als volgt in de balans voorgesteld:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Vaste activa | ||
| Derivaten ivm schulden | ||
| In het contract besloten derivaten | 2,2 | 1,9 |
| Subtotaal | 2,2 | 1,9 |
| Vlottende activa | ||
| Derivaten ivm schulden | ||
| Rentevoetswaps excl. swaps ivm effectisering | 10,8 | 9,4 |
| Rentevoetswaps ivm effectisering (1) | 4,2 | 6,2 |
| Caps | 0,2 | 0,1 |
| Floors | - | 0,3 |
| Niet met schulden verbonden derivaten | ||
| Termijncontracten in vreemde valuta | 2,3 | 2,0 |
| Brandstofafdekkingsinstrumenten | 2,2 | 1,0 |
| Subtotaal | 19,7 | 19,0 |
| Langlopende verplichtingen | ||
| Derivaten ivm schulden | ||
| Rentevoetswaps excl. swaps ivm effectisering | -0,1 | -0,3 |
| Subtotaal | -0,1 | -0,3 |
| Kortlopende verplichtingen | ||
| Derivaten ivm schulden | ||
| Rentevoetswaps excl. swaps ivm effectisering | -18,4 | -27,4 |
| Rentevoetswaps ivm effectisering (1) | -4,4 | -6,4 |
| Caps | -0,6 | -0,5 |
| Termijncontracten in vreemde valuta | -0,7 | -0,3 |
| Niet met schulden verbonden derivaten | ||
| Termijncontracten in vreemde valuta | -0,5 | -1,1 |
| Subtotaal | -24,6 | -35,7 |
| NETTO VOOR HANDELSDOELEINDEN AANGEHOUDEN DERIVATEN | -2,8 | -15,1 |
(1) Verdere informatie over de effectisering wordt gegeven in toelichtingen 14, 25, 31 en 39.
De EUR 250,0 miljoen "Senior Floating Rate Notes" uitgegeven door Avis Europe in 2006 en terugbetaalbaar in 2013 bevatten een optie die de mogelijkheid biedt aan Avis Europe om haar leningen vervroegd terug te betalen vanaf 31 juli 2008. In het kader van deze optie kunnen de leningen afgelost worden vanaf 31 juli 2010. Overeenkomstig de IAS-norm 39 wordt deze optie apart van de onderliggende leningen erkend als een in het contract besloten derivaat. Dat derivaat wordt als vaste activa voorgesteld, consistent met de termijn van de lening die in het contract besloten is.
In het segment voertuigbeglazing werd een combinatie van opties, caps en collars (gezamenlijk "Brandstofafdekkingsinstrumenten") gebruikt om de prijs van de brandstofaankopen af te dekken. De reële waarde van brandstofafdekkingsinstrumenten wordt bepaald op basis van marktwaarderingen voorbereid door de banken die de initiële transacties uitvoerden. Die marktwaarderingen zijn gebaseerd op de contante waarde van de maandelijkse futures forward curve voor benzine gezien de afgedekte volumes en de contractperiodes.
De reële waarden van de forward rate agreements worden berekend op basis van de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen. De reële waarden van de besloten derivaten, rentevoetswaps en caps worden gewaardeerd met waarderingsmodellen voor opties.
Zie toelichting 18 voor details over de overige gebruikte waarderingstechnieken.
De referentiebedragen van de openstaande voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten bedragen:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Rentevoetswaps excl. swaps ivm effectisering | 1.118,8 | 1.047,1 |
| Rentevoetswaps ivm effectisering (1) | 402,0 | 540,0 |
| Caps en collars | 40,0 | 95,0 |
| Floors en collars | 15,0 | 50,0 |
| Forward rate agreements | - | 95,0 |
| Termijncontracten en -opties in vreemde valuta | 31,0 | 19,1 |
(1) Verdere informatie over de effectisering wordt gegeven in toelichtingen 14, 25, 31 en 39.
Langetermijnpersoneelsbeloningen bevatten de personeelsbeloningen na uitdiensttreding en andere personeelsbeloningen op lange termijn. De personeelsbeloningen na uitdiensttreding worden hieronder geanalyseerd. Andere personeelsbeloningen op lange termijn worden opgenomen onder de langlopende voorzieningen of langlopende overige schulden, en worden, indien materieel, apart vermeld in de desbetreffende toelichting.
Personeelsbeloningen na uitdiensttreding zijn beperkt tot pensioenplannen. Indien toepasbaar dragen de entiteiten van de groep bij tot de desbetreffende wettelijke pensioenregelingen. Bepaalde entiteiten van de groep beheren regelingen die pensioenuitkeringen verschaffen, inclusief degene met vaste vergoedingen, die in de meeste gevallen gefinancierd worden door investeringen buiten de groep. De informatie in verband met toegezegd-pensioenregelingen inzake bijdragen wordt weergegeven in toelichting 36.
De groep beheert regelingen inzake vergoedingen na uitdiensttreding voor de in aanmerking komende personeelsleden in de volgende landen:
| Autodistributie: |
|---|
| Gefinancierde en niet-gefinancierde regelingen: |
| België |
| Autoverhuur: |
| Gefinancierde regelingen: |
| Oostenrijk |
| Frankrijk |
| Spanje |
| Verenigd Koninkrijk |
| Niet-gefinancierde regelingen: |
| Duitsland |
| Italië |
| Voertuigbeglazing: |
| Gefinancierde regelingen: |
| Canada |
| Frankrijk |
| Ierland |
| Nederland |
| Verenigd Koninkrijk |
| Verenigde Staten |
De waarderingen werden gebaseerd op de meest recente actuariële schattingen, herzien door de actuarissen, van de regelingen om de verplichtingen en de marktwaarde van de activa van de fondsbeleggingen te evalueren op iedere balansdatum.
De belangrijkste actuariële veronderstellingen zijn de volgende (aangezien er meerdere regelingen bestaan binnen de groep worden rangschikkingen gegeven):
| Gefinancierde regelingen | Niet-gefinancierde regelingen | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2010 | 2009 | 2010 | 2009 | |||||||
| Min. | Max. | Min. | Max. | Min. | Max. | Min. | Max. | |||
| Inflatiepercentage | 1,9% | 3,6% | 2,0% | 3,8% | 2,0% | 2,0% | 2,0% | 2,0% | ||
| Disconteringsvoet | 3,6% | 5,4% | 4,8% | 5,8% | 1,5% | 5,4% | 0,8% | 6,0% | ||
| Verwacht rendement op fondsbeleggingen: |
- | - | ||||||||
| Aandelen | 7,0% | 8,4% | 6,8% | 8,7% | - | - | - | - | ||
| Obligaties | 3,0% | 5,3% | 3,8% | 5,8% | - | - | - | - | ||
| Overige | 0,4% | 7,3% | 2,0% | 7,6% | - | - | - | - | ||
| Loonsverhoging | 1,0% | 5,4% | 1,0% | 5,5% | -0,3% | 2,5% | 2,1% | 3,9% | ||
| Pensioenverhoging | 1,0% | 3,6% | 2,0% | 3,8% | 1,3% | 2,0% | 1,6% | 3,2% |
De verwachte rendementen op fondsbeleggingen zijn gebaseerd op marktverwachtingen aan het begin van elk jaar, voor de rendementen over de totale levensduur van de desbetreffende verplichting. Het verwachte rendement op obligaties is gebaseerd op de opbrengsten van langetermijnobligaties. De verwachte rendementen op aandelen zijn gebaseerd op talrijke kwalitatieve en kwantitatieve marktanalyses inclusief overwegingen van risicopremies op de markt.
Het effectieve rendement op fondsbeleggingen is als volgt:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Verwacht rendement op fondsbeleggingen | 27,1 | 19,7 |
| Effectief rendement minus verwacht rendement op fondsbeleggingen | 36,7 | 49,1 |
| Effectief rendement op fondsbeleggingen | 63,8 | 68,8 |
De bedragen opgenomen in de balans worden als volgt samengevat:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Activa uit hoofde van langetermijnpersoneelsbeloningen | 39,2 | 14,6 |
| Verplichtingen uit hoofde van langetermijnpersoneelsbeloningen | -110,1 | -127,6 |
| Erkend netto tekort (-) / overschot (+) in de regelingen | -70,9 | -113,0 |
| bestaande uit: bedrag dat geregeld zou moeten worden binnen de 12 maanden | -0,9 | -2,0 |
| bedrag dat geregeld zou moeten worden na 12 maanden | -70,0 | -111,0 |
De bedragen opgenomen in de balans worden als volgt geanalyseerd:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Gefinan- | Niet-gefi- | Totaal | Gefinan- | Niet-gefi- | Totaal | ||
| cierde | nancierde | cierde | nancierde | ||||
| regelingen regelingen | regelingen regelingen | ||||||
| Contante waarde van brutoverplichtingen uit hoofde van toegezegd-pensioenregelingen |
-534,0 | -43,7 | -577,7 | -466,2 | -39,1 | -505,3 | |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | 506,8 | - | 506,8 | 392,3 | - | 392,3 | |
| Erkend netto tekort (-) / overschot (+) in de regelingen | -27,2 | -43,7 | -70,9 | -73,9 | -39,1 | -113,0 |
De bedragen opgenomen in de balans in 2008 en 2007 werden als volgt geanalyseerd:
| in miljoen EUR | 2008 | 2007 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Gefinan- cierde |
Niet-gefi- nancierde regelingen regelingen |
Totaal | Gefinan- cierde |
Niet-gefi- nancierde regelingen regelingen |
Totaal | |||
| Contante waarde van brutoverplichtingen uit hoofde van toegezegd-pensioenregelingen |
-347,3 | -38,1 | -385,4 | -493,6 | -39,0 | -532,6 | ||
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | 279,0 | - | 279,0 | 420,4 | - | 420,4 | ||
| Erkend netto tekort (-) / overschot (+) in de regelingen | -68,3 | -38,1 | -106,4 | -73,2 | -39,0 | -112,2 |
De reële waarde van de fondsbeleggingen bevat de volgende elementen:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Gefinan- | Niet-gefi- | Totaal | Gefinan- | Niet-gefi- | Totaal | ||
| cierde | nancierde | cierde | nancierde | ||||
| regelingen regelingen | regelingen regelingen | ||||||
| Aandelen | 306,3 | - | 306,3 | 249,4 | - | 249,4 | |
| Obligaties | 143,5 | - | 143,5 | 110,7 | - | 110,7 | |
| Onroerend goed | - | - | - | 0,1 | - | 0,1 | |
| Overige activa | 57,0 | - | 57,0 | 32,1 | - | 32,1 | |
| Reële waarde van de fondsbeleggingen | 506,8 | - | 506,8 | 392,3 | - | 392,3 |
De reële waarde van de fondsbeleggingen bevat geen onroerende goederen of andere activa gebruikt door de groep, alsook geen door de groep uitgegeven financiële instrumenten.
De wijzigingen in het erkende netto tekort zijn de volgende:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Gefinan- cierde |
Niet-gefi- nancierde regelingen regelingen |
Totaal | Gefinan- cierde |
Niet-gefi- nancierde regelingen regelingen |
Totaal | ||
| Netto tekort (-) / overschot (+) op 1 januari | -73,9 | -39,1 | -113,0 | -68,3 | -38,1 | -106,4 | |
| Bijdragen betaald door de groep | 38,1 | - | 38,1 | 40,5 | - | 40,5 | |
| Beloningen betaald door de groep | - | 2,2 | 2,2 | - | 2,4 | 2,4 | |
| Kost opgenomen in de winst- en verliesrekening | -11,2 | -3,0 | -14,2 | -10,5 | -3,5 | -14,0 | |
| Actuariële winsten (+) / verliezen (-) | 26,4 | -3,8 | 22,6 | -33,2 | 0,4 | -32,8 | |
| Andere betaalde beloningen | 0,2 | - | 0,2 | - | - | - | |
| Transfer van een andere categorie | -2,3 | - | -2,3 | - | - | - | |
| Omrekeningsverschillen | -4,5 | - | -4,5 | -2,4 | -0,3 | -2,7 | |
| Netto tekort (-) / overschot (+) op 31 december | -27,2 | -43,7 | -70,9 | -73,9 | -39,1 | -113,0 |
De bedragen opgenomen in de winst- en verliesrekening zijn de volgende:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Gefinan- | Niet-gefi- | Totaal | Gefinan- | Niet-gefi- | Totaal | ||
| cierde | nancierde | cierde | nancierde | ||||
| regelingen regelingen | regelingen regelingen | ||||||
| Aan het dienstjaar toegerekende pensioenkosten | -10,7 | -0,9 | -11,6 | -7,1 | -1,4 | -8,5 | |
| Pensioenkosten van verstreken diensttijd | -0,1 | - | -0,1 | -0,1 | - | -0,1 | |
| Rentekosten | -27,7 | -2,1 | -29,8 | -22,9 | -2,1 | -25,0 | |
| Impact van inperkingen en afwikkelingen | 0,2 | - | 0,2 | -0,1 | - | -0,1 | |
| Verwacht rendement op fondsbeleggingen | 27,1 | - | 27,1 | 19,7 | - | 19,7 | |
| Kost opgenomen in de winst- en verliesrekening | -11,2 | -3,0 | -14,2 | -10,5 | -3,5 | -14,0 | |
| bestaande uit: commerciële en administratieve kosten (courante elementen) |
-11,2 | -3,0 | -14,2 | -10,4 | -3,5 | -13,9 | |
| overige bedrijfskosten (ongebruikelijke elementen - zie toelichting 9) |
- | - | - | -0,1 | - | -0,1 |
De bedragen opgenomen in het overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten zijn de volgende:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Gefinan- | Niet-gefi- | Totaal | Gefinan- | Niet-gefi- | Totaal | |
| cierde | nancierde regelingen regelingen |
cierde | nancierde regelingen regelingen |
|||
| Effectief rendement minus verwacht rendement op fondsbeleggingen | 36,7 | - | 36,7 | 49,1 | - | 49,1 |
| Ervaringswinsten (+) / -verliezen (-) op verplichtingen | 2,5 | -0,1 | 2,4 | 2,6 | 0,4 | 3,0 |
| Winsten (+) / Verliezen (-) in de wijzigingen van de overwegingen (1) | -12,8 | -3,7 | -16,5 | -84,9 | - | -84,9 |
| Actuariële winsten (+) / verliezen (-) | 26,4 | -3,8 | 22,6 | -33,2 | 0,4 | -32,8 |
(1) Financiële en/of demografische overwegingen.
De beste schatting van de bijdragen die naar verwachting aan de regelingen zullen worden gedaan in 2011 bedraagt EUR 31,6 miljoen.
De verplichtingen uit hoofde van de toegezegd-pensioenregelingen inzake vergoedingen zijn berekend op basis van een aantal actuariële overwegingen (inclusief onder anderen: mortaliteit, disconteringsvoet, loonsverhogingen, verandering van het personeel, enz.). De verplichtingen zouden kunnen vermeerderen als die overwegingen veranderen in de toekomst. De activa uit hoofde van de toegezegd-pensioenregelingen inzake vergoedingen worden geïnvesteerd in een gediversifieerde portfolio, met een rendement dat waarschijnlijk volatiel zal zijn in de toekomst. Het tekort zou kunnen vermeerderen als het rendement van die beleggingen onvoldoend zou zijn.
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen worden gesaldeerd wanneer er een in rechte afdwingbaar recht bestaat om actuele belastingvorderingen te salderen met actuele belastingverplichtingen en wanneer de uitgestelde belastingvorderingen en verplichtingen die verband houden met belastingen door dezelfde belastingautoriteit worden geheven.
De wijzigingen in de uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen van de periode en de voorgaande periode zijn de volgende:
| in mijoen EUR | Herwaar- | Afschrijvingen | Voor- | Divi- | Invorder- Financiële Overige | Totaal | ||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| deringen | waarde- | zieningen | denden | bare fiscale | instru- | |||
| verminderingen | verliezen | menten | ||||||
| Uitgestelde belastingverplichtingen (negatieve bedragen) |
||||||||
| Op 1 januari 2009 | -131,0 | -35,0 | 10,9 | -1,3 | 3,6 | -3,0 | -15,0 | -170,8 |
| Credit (debet) in de winst- en verliesrekening | 3,5 | 9,8 | -2,1 | 0,3 | 1,6 | 1,5 | 1,2 | 15,8 |
| Credit (debet) in eigen vermogen | - | - | 1,2 | - | - | -0,1 | - | 1,1 |
| Overboeking naar actuele belastingen | - | - | - | - | - | - | 6,4 | 6,4 |
| Op 31 december 2009 | -127,5 | -25,2 | 10,0 | -1,0 | 5,2 | -1,6 | -7,4 | -147,5 |
| Credit (debet) in de winst- en verliesrekening | 4,3 | 4,7 | -8,8 | -0,2 | 5,9 | -0,1 | -7,0 | -1,2 |
| Credit (debet) in eigen vermogen | - | - | -5,2 | - | - | 0,2 | - | -5,0 |
| Omrekeningsverschillen | - | -2,4 | -0,2 | - | - | - | -0,3 | -2,9 |
| Op 31 december 2010 | -123,2 | -22,9 | -4,2 | -1,2 | 11,1 | -1,5 | -14,7 | -156,6 |
| Uitgestelde belastingvorderingen (positieve bedragen) |
||||||||
| Op 1 januari 2009 | - | -20,2 | 49,4 | - | 41,1 | 7,4 | 3,3 | 81,0 |
| Credit (debet) in de winst- en verliesrekening | - | 3,4 | 6,0 | - | -0,7 | -2,5 | -0,8 | 5,4 |
| Credit (debet) in eigen vermogen | - | - | 7,7 | - | - | 0,9 | 1,0 | 9,6 |
| Overboeking naar actuele belastingen | - | -0,2 | - | - | - | - | 2,7 | 2,5 |
| Omrekeningsverschillen | - | 0,8 | -0,5 | - | - | 0,1 | -0,8 | -0,4 |
| Op 31 december 2009 | - | -16,2 | 62,6 | - | 40,4 | 5,9 | 5,4 | 98,1 |
| Credit (debet) in de winst- en verliesrekening | - | -11,9 | -17,2 | - | 13,6 | -0,9 | 3,3 | -13,1 |
| Credit (debet) in eigen vermogen | - | - | - | - | - | -1,0 | -2,2 | -3,2 |
| Overboeking naar actuele belastingen | - | 0,1 | - | - | - | - | 1,7 | 1,8 |
saldering in de geconsolideerde balans erkend:
| 31 december 2009 | -127,5 | -41,4 | 72,6 | -1,0 | 45,6 | 4,3 | -2,0 | -49,4 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 31 december 2010 | -123,2 | -51,4 | 45,6 | -1,2 | 68,6 | 2,4 | -5,1 | -64,3 |
Omrekeningsverschillen - -0,5 4,4 - 3,5 -0,1 1,4 8,7 Op 31 december 2010 - -28,5 49,8 - 57,5 3,9 9,6 92,3
De kolom "herwaarderingen" bevat voornamelijk de uitgestelde belastingverplichting (EUR 111,8 miljoen; 2009: EUR 116,1 miljoen) voortvloeiend uit de erkenning van de Avis-licentierechten. De impact van de uitgestelde belastingen op de afschrijving van de Avislicentierechten verklaart de vermindering in 2010. In 2009 wordt de vermindering van de kolom "herwaarderingen" voornamelijk verklaard door de uitgestelde belastingen op de afschrijving van de Avis-licentierechten.
De netto uitgestelde belastingsbalans bevat een verplichting van EUR 4,3 miljoen (2009: EUR 4,3 miljoen) die teruggeboekt zal worden tijdens het volgende jaar als gevolg van de afschrijving van de Avis-licentierechten. Ze bevat eveneens een netto uitgestelde belastingvordering voor een bedrag van EUR 13,7 miljoen (2009: EUR 5,8 miljoen) waarvan de terugboeking verwacht wordt tijdens het volgende jaar. Dit netto bedrag zou echter niet teruggeboekt kunnen worden zoals oorspronkelijk voorzien omwille van de lage voorspelbaarheid van de wijzigingen in de uitgestelde belastingen.
Op de balansdatum heeft de groep ongebruikte fiscale verliezen en kredieten van EUR 480,3 miljoen (2009: EUR 494,5 miljoen) ter beschikking voor saldering met toekomstige winsten, waarvoor geen uitgestelde belastingvordering erkend werd bij gebrek aan voorzienbare toekomstige winsten. Het bevat ongebruikte fiscale verliezen van EUR 2,4 miljoen (2009: EUR 1,6 miljoen) die zullen vervallen in de periode 2015-2027 (2009: 2010-2027) en ongebruikte fiscale kredieten van EUR 105,8 miljoen (2009: EUR 75,5 miljoen) die zullen vervallen in de periode 2011-2017 (2009: 2010-2016). Andere verliezen zouden eindeloos overgedragen kunnen worden.
Er werd geen uitgestelde belasting erkend in verband met de overige tijdelijke verschillen voor een bedrag van EUR 22,8 miljoen (2009: EUR 35,5 miljoen) omwille van de lage voorspelbaarheid van de toekomstige winsten.
Op balansdatum bedraagt het totaalbedrag van tijdelijke verschillen die verband houden met investeringen in dochterondernemingen, filialen, geassocieerde ondernemingen en belangen in joint ventures (zijnde vooral de gecumuleerde positieve geconsolideerde reserves van die entiteiten) waarvoor geen uitgestelde belastingverplichtingen zijn opgenomen EUR 809,6 miljoen (2009: EUR 753,6 miljoen). Geen uitgestelde belastingverplichting werd erkend voor die verschillen omdat de groep in staat is het moment waarop die verschillen teruggeboekt zullen worden te bepalen en het duidelijk is dat deze verschillen niet teruggeboekt zullen worden in de nabije toekomst. Er zou op gewezen moeten worden dat de terugboeking van die tijdelijke verschillen, bijvoorbeeld door de uitkering van dividenden door dochterondernemingen aan de moedermaatschappij, geen of bijna geen impact zou hebben op de actuele belastingen.
Uitgestelde belastingvorderingen bevatten, onder andere, de volgende elementen:
De erkenning van die uitgestelde belastingvorderingen wordt ondersteund door winstverwachtingen in de nabije toekomst.
Uitgestelde belastingvorderingen worden erkend op voorwaarde dat er voldoende waarschijnlijkheid bestaat over hun regeling binnen een afzienbare tijd. De terugvorderbaarheid werd voorzichtig beoordeeld. In het geval dat de voorwaarden voor deze regeling zich niet zouden voordoen in de toekomst, zou de actuele boekwaarde van de uitgestelde belastingvorderingen verminderd kunnen worden.
De overige vorderingen opgenomen onder de vaste activa zijn samengesteld uit borgtochten en uit overige vorderingen van de entiteiten verwerkt volgens de "equity"-methode. Hun boekwaarde benadert hun reële waarde, en ze brengen over het algemeen geen interest op. Er wordt verwacht dat ze na meer dan 12 maanden terugbetaald zullen worden.
In het segment autodistributie zijn de vaste activa aangehouden voor verkoop samengesteld uit gebouwen, die vroeger gebruikt werden voor automobiel distributieactiviteiten. Het management heeft besloten deze gebouwen te verkopen. De vervreemding wordt voorzien in 2011.
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- distributie |
Auto- verhuur |
Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie |
Auto- verhuur |
Voertuig- beglazing |
Groep | |
| Overige materiële vaste activa | 1,7 | - | - | 1,7 | - | - | - | - |
| Vaste activa aangehouden voor verkoop | 1,7 | - | - | 1,7 | - | - | - | - |
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Autodistributie | ||
| Voertuigen | 283,2 | 238,3 |
| Wisselstukken en accessoires | 26,3 | 27,4 |
| Overige | 0,9 | 0,4 |
| Subtotaal | 310,4 | 266,1 |
| Autoverhuur | ||
| Voertuigen | 0,7 | 3,1 |
| Brandstof | 5,9 | 4,9 |
| Wisselstukken en accessoires | 0,5 | 0,4 |
| Subtotaal | 7,1 | 8,4 |
| Voertuigbeglazing | ||
| Glas en bijhorende producten | 233,9 | 193,1 |
| Subtotaal | 233,9 | 193,1 |
| GROEP | 551,4 | 467,6 |
| waarvan: elementen geboekt tegen reële waarde verminderd met verkoopkosten | 82,0 | 53,5 |
In het segment autoverhuur zijn de voertuigen samengesteld uit voorheen verhuurde voertuigen die het management beslist heeft te verkopen. De vervreemdingen worden voorzien begin 2011.
De elementen geboekt tegen reële waarde verminderd met verkoopkosten zijn meestal voertuigen verkocht met een "buy-back" overeenkomst die in de balans worden gehouden (dit soort overeenkomst wordt geboekt als operationele lease) tot hun latere verkoop.
Er wordt verwacht dat de voorraden binnen de 12 maanden gerealiseerd zullen worden.
Andere financiële activa worden als volgt geanalyseerd:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Autodistributie - Geldreserves ivm de effectisering | 8,9 | 10,0 |
| Autoverhuur - Borgstellingen voor financiële leases | - | 2,7 |
| Voertuigbeglazing - Niet beschikbare geldmiddelen ivm de Safelite overname | 17,0 | 13,2 |
| Andere financiële activa | 25,9 | 25,9 |
De geldreserves ivm de effectisering (zie toelichting 14) worden door D'Ieteren Lease in borg gehouden en worden aangehouden op haar eigen bankrekeningen. Verdere informatie inzake de effectisering wordt gegeven in toelichtingen 14, 19, 31 en 39.
De terugbetaling van de andere financiële activa wordt voorzien binnen de 12 maanden. Hun boekwaarde is gelijk aan hun reële waarde.
Actuele belastingvorderingen (-verplichtingen) worden meestal binnen de 12 maanden terugbetaald.
Handelsvorderingen en overige vorderingen worden als volgt geanalyseerd:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- distributie |
Auto- verhuur |
Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie |
Auto- verhuur |
Voertuig- beglazing |
Groep | ||
| Netto handelsvorderingen | 107,5 | 147,7 | 192,2 | 447,4 | 83,9 | 136,4 | 169,0 | 389,3 | |
| Vorderingen in verband met voertuigen | - | 758,4 | - | 758,4 | - | 751,7 | - | 751,7 | |
| Vorderingen op entiteiten verwerkt volgens de "equity"-methode |
0,5 | - | - | 0,5 | 0,6 | - | - | 0,6 | |
| Overige vorderingen | 12,8 | 120,0 | 45,8 | 178,6 | 11,2 | 101,5 | 41,1 | 153,8 | |
| Handelsvorderingen en overige vorderingen | 120,8 | 1.026,1 | 238,0 1.384,9 | 95,7 | 989,6 | 210,1 1.295,4 |
Het incasseren van de handelsvorderingen en overige vorderingen wordt voorzien binnen de 12 maanden. De boekwaarde van deze vorderingen, die geen interest opbrengen, benadert hun reële waarde.
De groep is blootgesteld aan kredietrisico dat voortvloeit uit zijn bedrijfsactiviteiten. Dergelijke risico's worden gematigd door het selecteren van klanten en overige zakenpartners op basis van hun kredietkwaliteit en door de concentratie op een klein aantal belangrijke wederpartijen zoveel mogelijk te vermijden. De kredietkwaliteit van belangrijke wederpartijen wordt systematisch geschat en kredietlimieten worden vastgelegd vóór het nemen van elke kredietblootstelling. Betalingstermijnen zijn gemiddeld minder dan één maand behalve wanneer lokale praktijken anders zijn. Vorderingen op kredietverkopen worden van dichtbij gevolgd en centraal geïnd in de segmenten autodistributie en autoverhuur. Voor het segment voertuigbeglazing wordt het lokaal beheerd.
In het segment autodistributie, is de concentratie van de tien voornaamste klanten gelijk aan 20% (2009: 19%) en geen klant ligt boven de 6% (2009: 4%) van de vorderingen. Bepaalde vorderingen zijn eveneens door kredietverzekeringen gedekt.
In het segment autoverhuur bevatten de vorderingen in verband met voertuigen, vorderingen betreffende voertuigen gekocht met "buy-back" overeenkomsten, vooruitbetaalde operationele leasebetalingen voor de voertuigen, verschuldigde bedragen van de leasingbedrijven en overige vorderingen ivm voertuigen. Het kredietrisico is geconcentreerd bij de belangrijkste Europese voertuigfabrikanten. De concentraties van het kredietrisico voor de vorderingen die niet in verband staan met voertuigen zijn beperkt als gevolg van de gediversifieerde cliënteel van Avis Europe.
In het segment voertuigbeglazing is de concentratie van het risico op de openstaande vorderingen beperkt door de diversificatie van de cliënteel van Belron.
De bedragen in de balans zijn netto van waardeverminderingen op dubieuze vorderingen. Het maximale kredietrisico is de boekwaarde van de vorderingen in de balans. Op 31 december 2010 bedroegen de waardeverminderingen op dubieuze vorderingen EUR 53,4 miljoen (2009: EUR 50,9 miljoen).
De ouderdomsanalyse van de vervallen handelsvorderingen en overige vorderingen, maar niet in waarde verminderd, is als volgt:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Vervallen - minder dan 3 maanden | 153,8 | 170,7 |
| Vervallen - tussen 3 en 6 maanden | 11,7 | 12,9 |
| Vervallen - meer dan 6 maanden | 9,8 | 6,6 |
| Totaal | 175,3 | 190,2 |
Zoals vermeld in toelichting 5, bedroeg de vermeerdering van de waardeverminderingen op dubieuze vorderingen EUR 12,7 miljoen (2009: EUR 15,6 miljoen) in 2010.
Geldmiddelen en kasequivalenten worden hieronder geanalyseerd:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- | Auto- | Voertuig- | Groep | Auto- | Auto- | Voertuig- | Groep | |
| distributie | verhuur | beglazing | distributie | verhuur beglazing | ||||
| Liquide middelen | 2,1 | 92,3 | 33,4 | 127,8 | 24,7 | 38,7 | 28,1 | 91,5 |
| Kortetermijn deposito's | - | 139,4 | - | 139,4 | - | 21,9 | - | 21,9 |
| Geldmarkt activa | - - | - | - | 234,8 | - | - | 234,8 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 2,1 | 231,7 | 33,4 | 267,2 | 259,5 | 60,6 | 28,1 | 348,2 |
Geldmiddelen en kasequivalenten zijn hoofdzakelijk activa met variabele rentevoeten die interest opbrengen tegen verschillende rentevoeten met als referentie de heersende EONIA, LIBID of een equivalent. Hun boekwaarde is gelijk aan hun reële waarde.
In het segment autodistributie was de vermeerdering van de geldmiddelen en kasequivalenten in 2009 voornamelijk te danken aan de opbrengst van de EUR 150 miljoen obligatielening uitgegeven op 23 december 2009. Deze tegoeden verminderden in januari 2010 met de betaling van de aandelen van Belron verworven naar aanleiding van de uitoefening door Cobepa van zijn verkoopopties in september 2009 (16,35% van het aandelenkapitaal van Belron).
In het segment voertuigbeglazing zijn als gevolg van juridische beperkingen tegoeden van geldmiddelen in Brazilië, voor een bedrag van EUR 5,2 miljoen (2009: EUR 4,1 miljoen), niet beschikbaar voor algemeen gebruik door de moedermaatschappij of andere dochterondernemingen.
De kortetermijn deposito's (enkel in het segment autoverhuur) vervallen binnen de 5 maanden (2009: 3 maanden).
De wijziging in het gewone aandelenkapitaal wordt hieronder beschreven:
| in miljoen EUR, behalve het aantal aandelen weergegeven in eenheden | Aantal | Gewoon |
|---|---|---|
| gewone | aandelen- | |
| aandelen | kapitaal | |
| Op 1 januari 2009 | 5.530.262 | 160,0 |
| Wijziging | - | - |
| Op 31 december 2009 | 5.530.262 | 160,0 |
| Splitsing in tien van de aandelen | - | - |
| Op 31 december 2010 | 55.302.620 | 160,0 |
Op 20 december 2010 heeft de Buitengewone Algemene Vergardering het voorstel van de Raad van bestuur goedgekeurd om de gewone aandelen en de winstaandelen te splitsen in tien en dit door omruiling. Het aantal gewone aandelen en winstaandelen uitgegeven door de moedermaatschappij bedraagt respectievelijk 55.302.620 en 5.000.000 na deze splitsing (toepasbaar op 27 december 2010).
Alle gewone uitgegeven aandelen zijn volledig betaald. Gewone aandelen hebben geen nominale waarde. Dezelfde Buitengewone Algemene Vergadering heeft de dematerialisatie van de maatschappelijke aandelen aan toonder goedgekeurd. De gewone aandelen aan toonder moeten bijgevolg omgezet worden in geregistreerde of gedematerialiseerde aandelen voorafgaand aan de uitoefening van de rechten die aan deze aandelen zijn verbonden. Elk gewoon aandeel geeft recht op één stem.
Er bestaan 5.000.000 winstaandelen op naam, die het kapitaal niet vertegenwoordigen. Elk winstaandeel heeft een stemrecht en geeft recht op één dividend dat gelijk is aan één achtste van het dividend van een gewoon aandeel.
Eigen aandelen worden aangehouden door de moedermaatschappij en door dochterondernemingen zoals hieronder beschreven:
| in miljoen EUR, behalve het aantal aandelen weergegeven in eenheden | 2010 | 2009(1) | |||
|---|---|---|---|---|---|
| Aantal | Bedrag | Aantal | Bedrag | ||
| Eigen aandelen aangehouden door de moedermaatschappij | 779.860 | 15,8 | 1.040.430 | 20,4 | |
| Eigen aandelen aangehouden door dochtermaatschappijen | - | - | - | - | |
| Aangehouden eigen aandelen | 779.860 | 15,8 | 1.040.430 | 20,4 |
(1) De vergelijkende gegevens werden aangepast voor de splitsing.
Eigen aandelen worden behouden om de aandelenoptieplannen, opgezet door de moedermaatschappij sedert 1999, af te dekken (zie toelichting 37).
Op 28 mei 2009 heeft de Buitengewone Algemene Vergadering de Raad van bestuur voor een nieuwe en hernieuwbare periode van vijf jaar gemachtigd om het kapitaal in één of meer stappen te verhogen met een maximaal bedrag van EUR 60 miljoen door inbreng in contanten of in natura of door opneming van beschikbare of onbeschikbare reserves of uitgiftepremies, met of zonder creatie van nieuwe maatschappelijke aandelen, al dan niet preferent, met of zonder stemrecht, met of zonder inschrijvingsrecht, en met de mogelijkheid het preferente inschrijvingsrecht, inclusief ten voordele van één of meerdere specifieke personen, te beperken of te schrappen. Dezelfde Vergadering heeft de Raad van bestuur, voor een periode van vijf jaar, gemachtigd om eigen aandelen aan te schaffen, tot een maximum van 10% van de uitgegeven gewone aandelen.
Er mag geen enkele overdracht gebeuren van geregistreerde aandelen, die niet volledig betaald zijn, behalve krachtens een speciale toelating van de Raad van bestuur voor iedere overdracht en ten gunste van een door de Raad van bestuur aanvaarde overnemer (art. 7 van de statuten). De winstbewijzen zullen slechts mogen worden overgedragen met de toestemming van de meerderheid van de leden van de Raad van bestuur en ten gunste van een door deze leden aanvaarde overnemer (art. 8 van de statuten).
Wat het beheer van het kapitaal betreft, bestaan de doelstellingen van de groep uit het beschermen van het vermogen van al zijn activiteiten om hun bedrijfsactiviteit voort te zetten en het behouden van een optimale kapitaalstructuur om de kost van het kapitaal te verminderen. De groep controleert de adequaatheid van het kapitaal van dichtbij, op het niveau van iedere activiteit, door middel van een aantal ratio's die voor hun business specifiek zijn. Om de kapitaalstructuur te handhaven of aan te passen heeft elke activiteit de mogelijkheid om het bedrag van de aan aandeelhouders betaalde dividenden aan te passen, kapitaal aan de aandeelhouders terug te betalen, nieuwe aandelen uit te geven, of activa te verkopen om de schuld te verminderen, rekening houdende met het bestaan van aandeelhouders zonder zeggenschap.
| Aandeelhouders | Totaal v/d | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| (volgens de kennisgevingen van belangrijke deelnemingen van 28/09/2010 en na de openbaarmaking van de nieuwe |
Aandelen | Winstaandelen | stemrechten | |||
| noemer op 27/12/2010) | Aantal | % | Aantal | % | Aantal | % |
| s.a. de Participations et de Gestion, Brussel | 10.322.060 | 18,66% | - | - | 10.322.060 | 17,12% |
| Reptid Commercial Corporation, Dover, Delaware | 2.025.320 | 3,66% | - | - | 2.025.320 | 3,36% |
| Mevr. Catheline Périer-D'Ieteren | 1.529.900 | 2,77% | 1.250.000 | 25,00% | 2.779.900 | 4,61% |
| Dhr Olivier Périer | 10.000 | 0,02% | - | - | 10.000 | 0,02% |
| De vier bovenvermelde personen (samen "SPDG Group") zijn verbonden en handelen in gemeenschappelijk overleg met Cobepa n.v. |
13.887.280 | 25,11% | 1.250.000 | 25,00% | 15.137.280 | 25,10% |
| Nayarit Participations s.c.a., Brussel | 13.941.510 | 25,21% | - | - | 13.941.510 | 23,12% |
| Dhr Roland D'Ieteren | 466.190 | 0,84% | 3.750.000 | 75,00% | 4.216.190 | 6,99% |
| Dhr Nicolas D'Ieteren | 10.000 | 0,02% | - | - | 10.000 | 0,02% |
| De drie bovenvermelde personen (samen "Nayarit Group") zijn verbonden en handelen in gemeenschappelijk overleg met Cobepa n.v. |
14.417.700 | 26,07% | 3.750.000 | 75,00% | 18.167.700 | 30,13% |
| De personen die verwijzen naar SPDG Group en Nayarit Group handelen in gemeenschappelijk overleg. |
||||||
| Cobepa n.v., Brussel | 2.126.210 | 3,84% | - | - | 2.126.210 | 3,53% |
| Cobepa n.v. handelt in gemeenschappelijk overleg met enerzijds Nayarit Group en anderzijds met SPDG Group. |
De Raad van bestuur heeft de uitkering van een bruto dividend voorgesteld voor een bedrag van EUR 0,425 per aandeel (2009: EUR 0,325 per aandeel), of EUR 23,5 miljoen in totaal (2009: EUR 17,8 miljoen).
Voorzieningen voor personeelsbeloningen na uitdiensttreding worden geanalyseerd in toelichting 20. De overige voorzieningen, ofwel kortlopend ofwel langlopend, worden hieronder geanalyseerd.
De belangrijkste categorieën van voorzieningen zijn de volgende:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- | Auto- | Voertuig- Groep | Auto- | Auto- | Voertuig- Groep | |||||
| distributie verhuur | beglazing | distributie verhuur | beglazing | |||||||
| Langlopende voorzieningen | ||||||||||
| Betreffende concessiehouders | 15,5 | - | - | 15,5 | 13,7 | - | - | 13,7 | ||
| Waarborgen | 5,0 | - | - | 5,0 | 5,2 | - | - | 5,2 | ||
| Verzekeringen en dekkingen | 2,7 | 18,4 | - | 21,1 | 2,4 | 23,6 | - | 26,0 | ||
| Overige langlopende elementen | 8,5 | 9,0 | 37,0 | 54,5 | 7,7 | 9,1 | 1,1 | 17,9 | ||
| Subtotaal | 31,7 | 27,4 | 37,0 | 96,1 | 29,0 | 32,7 | 1,1 | 62,8 | ||
| Kortlopende voorzieningen | ||||||||||
| Verzekeringen en dekkingen | - | 13,9 | - | 13,9 | - | 12,6 | - | 12,6 | ||
| Overige kortlopende elementen | - | 7,0 | 4,4 | 11,4 | - | 6,0 | 203,5 | 209,5 | ||
| Subtotaal | - | 20,9 | 4,4 | 25,3 | - | 18,6 | 203,5 | 222,1 | ||
| Totaal voorzieningen | 31,7 | 48,3 | 41,4 | 121,4 | 29,0 | 51,3 | 204,6 | 284,9 |
De wijzigingen van de voorzieningen worden hieronder uiteengezet voor het jaar afgesloten op 31 december 2010:
| in miljoen EUR | Betreffende concessie- houders |
Waarborgen Verzekeringen en dekkingen |
Overige elementen |
Overige langlopende kortlopende elementen |
Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Op 1 januari 2010 | 13,7 | 5,2 | 38,6 | 17,9 | 209,5 | 284,9 |
| Toegevoegd tijdens het jaar | 6,5 | 0,4 | 21,0 | 39,6 | 10,5 | 78,0 |
| Besteed tijdens het jaar | -4,7 | -0,4 | -25,2 | -0,6 | -203,9 | -234,8 |
| Teruggenomen tijdens het jaar | - | -0,2 | - | -1,1 | -6,7 | -8,0 |
| Transfer tijdens het jaar | - | - | - | -1,3 | 1,3 | - |
| Omrekeningsverschillen | - | - | 0,6 | - | 0,7 | 1,3 |
| Op 31 december 2010 | 15,5 | 5,0 | 35,0 | 54,5 | 11,4 | 121,4 |
Aangezien het moment waarop de kasuitstromen plaatsvinden heel onzeker is, worden bijna alle voorzieningen beschouwd als langlopende elementen. Er wordt verwacht dat de kortlopende voorzieningen binnen de 12 maanden besteed zullen worden.
De voorzieningen verbonden met de concessiehouders vloeien voort uit de constante verbetering van de distributienetwerken.
In het segment autodistributie betreffen de voorzieningen voor waarborgen de kosten van de diensten aangeboden aan eigenaars van nieuwe voertuigen, zoals de mobiliteitsgarantie.
Het segment autoverhuur beschikt over verzekeringsreserves die niet verzekerde schaden dekken, in het kader van klachten die mogelijk door derden ingediend kunnen worden. Gezien de spreiding in de tijd en de onzekerheid van dit soort klachten worden de reserves opgesteld op basis van een historisch overzicht. Dit laat het indienen van potentiële klachten toe voor een paar jaren na het van kracht worden van de verzekeringspolis. In het segment autodistributie worden voorzieningen opgesteld om de reeds gemaakte schaden, aangegeven aan D'Ieteren Lease of niet, in de winst- en verliesrekening op te nemen.
Overige langlopende en kortlopende voorzieningen bevatten hoofdzakelijk:
Leningen worden als volgt geanalyseerd:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- | Auto- | Voertuig- distributie verhuur beglazing |
Groep | Auto- distributie |
Auto- | Voertuig- verhuur beglazing |
Groep | |
| Langlopende leningen | ||||||||
| Obligatieleningen | 349,6 | - | - | 349,6 | 349,5 | - | - | 349,5 |
| Obligaties uitgegeven in het kader van de effectisering | 186,4 | - | - | 186,4 | 199,8 | - | - | 199,8 |
| Schulden ivm financiële leases | - | 0,1 | 30,3 | 30,4 | - | - | 25,6 | 25,6 |
| Kredietinstellingen en overige leningen | 1,5 | - | 439,3 | 440,8 | 1,5 | - | 188,1 | 189,6 |
| Onderhandse leningen | - | 435,6 | 271,0 | 706,6 | - | 509,5 | 246,0 | 755,5 |
| Uitgestelde betalingen ivm de overnames | - | 24,8 | - | 24,8 | - | 23,8 | - | 23,8 |
| Subtotaal langlopende leningen | 537,5 | 460,5 | 740,6 1.738,6 | 550,8 | 533,3 | 459,7 1.543,8 | ||
| Kortlopende leningen | ||||||||
| Schulden ivm financiële leases | - | 184,3 | 21,2 | 205,5 | - | 167,9 | 17,0 | 184,9 |
| Kredietinstellingen en overige leningen | 3,6 | 20,3 | 8,4 | 32,3 | 14,1 | 14,0 | 0,8 | 28,9 |
| Onderhandse leningen | - | 91,6 | - | 91,6 | - | 33,3 | - | 33,3 |
| Commercial paper | 25,5 | 1,0 | - | 26,5 | - | 26,7 | - | 26,7 |
| Uitgestelde betalingen ivm de overnames | - | 0,3 | - | 0,3 | 275,1 | 0,3 | - | 275,4 |
| Subtotaal kortlopende leningen | 29,1 | 297,5 | 29,6 | 356,2 | 289,2 | 242,2 | 17,8 | 549,2 |
| TOTAAL LENINGEN | 566,6 | 758,0 | 770,2 2.094,8 | 840,0 | 775,5 | 477,5 2.093,0 |
De groep geeft obligatieleningen uit via haar moedermaatschappij en via haar 100% dochtermaatschappij D'Ieteren Trading b.v. De uitstaande obligatieleningen op 31 december zijn de volgende (enkel in het segment autodistributie):
| 2010 | 2009 | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Uitgiftedatum | Hoofdsom | Vervaldatum | Vaste rente | Uitgiftedatum | Hoofdsom | Vervaldatum | Vaste rente | |||
| (in miljoen EUR) | (in miljoen EUR) | |||||||||
| Juli 2004 | 100,0 | 2012 | 5,25% | Juli 2004 | 100,0 | 2012 | 5,25% | |||
| Juli 2005 | 100,0 | 2015 | 4,25% | Juli 2005 | 100,0 | 2015 | 4,25% | |||
| December 2009 | 150,0 | 2014 | 5,50% | December 2009 | 150,0 | 2014 | 5,50% | |||
| Totaal | 350,0 | 350,0 |
In december 2009 heeft de moedermaatschappij een obligatielening met een leeftijd van 5 jaar uitgegeven, voor een bedrag van EUR 150 miljoen (EUR 149,5 miljoen netto opbrengst) die een jaarlijkse bruto rentevoet van 5,5% draagt. De gewogen gemiddelde kost van de obligatieleningen in 2010 was 5,1% (2009: 4,8%).
De groep geeft eveneens obligaties uit in het kader van een effectiseringsprogramma, via haar 100% dochtermaatschappij s.a. D'Ieteren Lease n.v. ("D'Ieteren Lease"). Het programma wordt uitgelegd in toelichting 14. In de loop van het jaar werd de financering van het effectiseringsprogramma van de vloot van D'Ieteren Lease tot december 2011 verlengd. De gewogen gemiddelde kost van dit programma, inclusief de afschrijving van de oorspronkelijke opstartkosten en van de hernieuwingkosten over een periode van 3 jaar, was 3,5% (2009: 3,6%). Verpande rekeningen ivm de effectisering worden opgenomen onder de rubriek "andere financiële activa" (zie toelichting 25). Verdere informatie inzake de effectisering wordt gegeven in toelichtingen 19 en 39.
Schulden in verband met financiële leases worden als volgt gedetailleerd:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | |||
|---|---|---|---|---|---|
| Minimale lease- betalingen |
Constante waarde van de minimale leasebetalingen |
Minimale lease- betalingen |
Constante waarde van de minimale leasebetalingen |
||
| Niet langer dan één jaar | 211,6 | 205,5 | 190,0 | 184,9 | |
| Langer dan één jaar en niet langer dan vijf jaar | 32,4 | 29,6 | 26,8 | 24,6 | |
| Langer dan vijf jaar | 1,0 | 0,8 | 1,2 | 1,0 | |
| Subtotaal | 245,0 | 235,9 | 218,0 | 210,5 | |
| Min: toekomstige financieringskosten | -9,1 | -7,5 | |||
| Contante waarde van de schulden ivm financiële leases | 235,9 | 210,5 |
De schulden in verband met financiële leases worden voornamelijk aangetroffen in het segment autoverhuur, die bepaalde voertuigen (inclusief voertuigen aangehouden onder "buy-back" overeenkomsten) en verscheidene installaties en uitrusting op die wijze financieert. De gemiddelde leasingsduur is minder dan één jaar. Voor het jaar afgesloten op 31 december 2010 bedroeg de gemiddelde effectieve rentevoet 2,9% (2009: 3,7%). De rentevoeten worden bij de ondertekening van de contracten vastgelegd. Al die contracten brengen vaste en onvoorwaardelijke leasebetalingen met zich mee. Financiële leases worden ook in het segment voertuigbeglazing gebruikt; ze worden niet gebruikt in het segment autodistributie. De schulden in verband met financiële leases van de groep worden beveiligd door het feit dat de lessors de eigendom over de geleasede goederen behouden. In 2009 werden borgstellingen opgesteld voor bepaalde financiële leases in het segment autoverhuur (zie toelichting 25).
Kredietinstellingen en overige leningen bestaan hoofdzakelijk uit niet gesyndiceerde leningen (in het segment autodistributie) en gesyndiceerde leningen (in de segmenten autoverhuur en voertuigbeglazing), alsook kaskredieten. Afhangend van de munteenheid van de bankleningen en van het beschouwde segment, varieert de gewogen gemiddelde kost tussen 1,3% en 16,9% in 2010 (2009: 1,4% tot 7,0%).
Onderhandse leningen vertegenwoordigen vooral de volgende uitstaande bedragen in het segment autoverhuur, verschuldigd door Avis Finance Company plc ("AFC"), een indirecte 100% dochteronderneming van Avis Europe plc:
| 2010 | 2009 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Uitgiftedatum | Munteenheid | Hoofdsom | Vervaldatum | Hoofdsom | Vervaldatum | |
| (in miljoen) | (in miljoen) | |||||
| Augustus 2000 | USD | - | - | 48,0 | 2010 | |
| Juni 2002 | EUR | 26,8 | 2012 | 26,8 | 2012 | |
| Juni 2004 | USD | 240,0 | 2011,2012,2014 | 240,0 | 2011,2012,2014 | |
| Juni 2004 | EUR | 65,0 | 2012 | 65,0 | 2012 | |
| Juli 2006 | EUR | 250,0 | 2013 | 250,0 | 2013 |
De onderhandse leningen in USD dragen een gemiddelde vaste rentevoet van 5,9% (2009: 6,3%). Deze in euro, die vóór juli 2006 uitgegeven werden, dragen een gemiddelde vaste rentevoet van 5,8% (2009: 5,8%). Die onderhandse leningen zijn met vaste rentevoeten zodat hun contractuele prijsherzieningsprofiel met hun aflossingstermijn overeenstemt. De EUR 250,0 miljoen "Senior Floating Rate Notes" is EURIBOR plus 2,625% rentende. Die obligaties, waarvan de EURIBOR rentevoet om de drie maanden herzien wordt, bevatten een optie waardoor AFC ze kan terugbetalen vanaf 31 juli 2008. Deze optie wordt apart erkend tegen reële waarde als een in het contract besloten derivaat (zie toelichting 19).
In het segment voertuigbeglazing vertegenwoordigen de onderhandse leningen vooral de volgende uitstaande bedragen, verschuldigd door Belron Finance Limited, een 100% dochtermaatschappij van Belron:
| 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Rentevoet | Munteenheid | Hoofdsom | Vervaldatum | Hoofdsom | Vervaldatum | ||
| (in miljoen) | (in miljoen) | ||||||
| Reeks A | 5,68% | USD | 200,0 | 2014 | 200,0 | 2014 | |
| Reeks B | 5,80% | USD | 125,0 | 2017 | 125,0 | 2017 | |
| Reeks C | 5,94% | GBP | 20,0 | 2017 | 20,0 | 2017 |
De groep beschikt over twee programma's van commercial paper (thesauriebewijzen) in België:
De onder dit programma opgenomen bedragen zijn binnen het jaar terugbetaalbaar.
In het segment autodistributie vertegenwoordigden de uitgestelde betalingen in 2009, bedragen verschuldigd aan Cobepa ten gevolge van de uitoefening van zijn verkoopopties op 16,35% van het aandelenkapitaal van Belron. De betaling vond plaats in januari 2010.
In het segment autoverhuur betreffen de uitgestelde betalingen in verband met de overnames bedragen die steeds verschuldigd zijn naar aanleiding van de overname van Avis Europe Investment Holdings Limited (een 100% dochteronderneming van Avis Europe plc) van Avis Inc. in 1997, en betaalbaar in vaste annuïteiten van GBP 1,9 miljoen inclusief interesten. De uitgestelde betalingen in verband met de overname worden uitgedrukt in GBP en zijn onderworpen aan een interest met een vaste rentevoet van 8,0% jaarlijks gedurende 27 jaar.
Langlopende leningen zijn verschuldigd na meer dan één jaar, in overeenstemming met de volgende termijnplanning:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Langer dan één jaar en niet langer dan vijf jaar | 1.591,5 | 1.306,7 |
| Langer dan vijf jaar | 147,1 | 237,1 |
| Langlopende leningen | 1.738,6 | 1.543,8 |
De groep is blootgesteld aan wijzigingen in de rentevoeten zoals hieronder weergegeven (vóór de impact van derivaten ivm schulden). Dit betreft eveneens de risico's voortvloeiend uit het tijdstip van vastlegging van de rentevoeten:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Niet langer dan één jaar | 982,7 | 939,4 |
| Langer dan één jaar en niet langer dan vijf jaar | 968,1 | 920,5 |
| Langer dan vijf jaar | 144,0 | 233,1 |
| Leningen | 2.094,8 | 2.093,0 |
De classificatie van de leningen in functie van rentevoeten en munteenheid is als volgt (inclusief de waarde van de aanpassing voor afgedekte leningen weergegeven in toelichting 32):
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Munteenheid | Vaste | Variabele | Totaal | Vaste | Variabele | Totaal |
| rentevoet | rentevoet | rentevoet | rentevoet | |||
| EUR | 446,6 | 1.043,2 | 1.489,8 | 446,1 | 948,1 | 1.394,2 |
| GBP | 48,7 | 0,1 | 48,8 | 46,6 | 72,3 | 118,9 |
| USD | 477,4 | 77,4 | 554,8 | 495,4 | 68,8 | 564,2 |
| Andere | 4,8 | 1,4 | 6,2 | 2,3 | 51,5 | 53,8 |
| Totaal | 977,5 | 1.122,1 | 2.099,6 | 990,4 | 1.140,7 | 2.131,1 |
Indien de impact van de derivaten ivm schulden in rekening wordt genomen, is die classificatie de volgende:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Munteenheid | Vaste | Variabele | Totaal | Vaste | Variabele | Totaal |
| rentevoet | rentevoet | rentevoet | rentevoet | |||
| EUR | 1.531,6 | 52,3 | 1.583,9 | 1.310,6 | 306,9 | 1.617,5 |
| GBP | 48,7 | 101,1 | 149,8 | 86,8 | 18,0 | 104,8 |
| USD | 366,0 | 1,3 | 367,3 | 300,4 | 25,7 | 326,1 |
| Andere | 4,8 | -6,2 | -1,4 | 50,8 | 31,9 | 82,7 |
| Totaal | 1.951,1 | 148,5 | 2.099,6 | 1.748,6 | 382,5 | 2.131,1 |
De leningen met variabele rentevoet zijn onderworpen aan verschillende rentevoeten vastgelegd met als referentie de heersende EURIBOR of een equivalent. De toepasbare rentevoeten voor uitstaande leningen tegen vaste rentevoeten zijn als volgt:
| 2010 | 2009 | |||
|---|---|---|---|---|
| Munteenheid | Min. | Max. | Min. | Max. |
| EUR | 2,0% | 6,8% | 4,3% | 6,8% |
| GBP | 4,0% | 5,9% | 5,7% | 5,9% |
| USD | 2,0% | 7,0% | 2,0% | 7,0% |
| Andere | 3,7% | 16,9% | 5,0% | 6,5% |
De reële waarde van kortlopende leningen benadert hun boekwaarde. De reële waarde van langlopende leningen wordt hieronder weergegeven:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | |||
|---|---|---|---|---|---|
| Reële | Boek- | Reële | Boek- | ||
| waarde | waarde | waarde | waarde | ||
| Obligatieleningen | 359,4 | 349,6 | 349,1 | 349,5 | |
| Obligaties uitgegeven in het kader van de effectisering | 186,4 | 186,4 | 199,8 | 199,8 | |
| Schulden ivm financiële leases | 30,4 | 30,4 | 25,6 | 25,6 | |
| Kredietinstellingen, onderhandse leningen en overige leningen | 1.139,2 | 1.147,4 | 774,3 | 945,1 | |
| Uitgestelde betalingen ivm de overnames | 23,0 | 24,8 | 23,9 | 23,8 | |
| Langlopende leningen | 1.738,4 | 1.738,6 | 1.372,7 | 1.543,8 |
De reële waarde van de obligatieleningen wordt bepaald op basis van hun marktprijs. De reële waarde van de obligaties uitgegeven in het kader van de effectisering is gelijk aan hun boekwaarde. De reële waarde van de overige leningen wordt geschat op basis van de verhandelbare marktwaarden, of indien deze niet gemakkelijk beschikbaar zijn, door de toekomstige contractuele kasstromen te verdisconteren tegen de rentevoet die, op dat ogenblik, voor de groep op de markt beschikbaar is voor soortgelijke financiële instrumenten.
Er zijn financiële verplichtingen (ratio's) verbonden aan bepaalde leningen binnen de groep.
In het segment voertuigbeglazing zijn bepaalde in valuta uitgedrukte leningen aangeduid als afdekking van de netto investeringen in niet in euro uitgedrukte netto activa. Ze worden aangewend om een deel van de niet in euro uitgedrukte netto activa tegen waardeveranderingen voortvloeiend uit wisselkoerseffecten te beschermen. De reële waarde van die leningen op 31 december 2010 bedroeg EUR 347,2 miljoen (2009: EUR 435,8 miljoen). De ineffectiviteit die in de winst- en verliesrekening is verwerkt als gevolg van de afdekking van de netto investering in vreemde valuta bedraagt nihil.
De nettoschuld is een indicator niet gedefinieerd door de IFRS-normen. De groep stelt de nettoschuld echter niet voor als een alternatief voor de financiële indicatoren bepaald door de IFRS-normen. De groep maakt gebruik van het begrip nettoschuld om haar schuld te weerspiegelen. De nettoschuld is gelijk aan het totaal van de leningen verminderd met geldmiddelen, kasequivalenten en investeringen in vaste en vlottende activa. De nettoschuld houdt geen rekening met de reële waarde van de aan de schuld verbonden derivaten. De afgedekte leningen (d.w.z. leningen waarop hedge accounting volgens IAS 39 wordt toegepast) worden omgerekend tegen de wisselkoersen bepaald door de cross currency swaps. De andere leningen worden omgerekend tegen de wisselkoersen geldend op balansdatum.
| in miljoen EUR | 31 december 2010 | 31 december 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- | Auto- | Voertuig- | Groep | Auto- | Auto- | Voertuig- | Groep | |
| distributie verhuur | beglazing | distributie verhuur | beglazing | |||||
| Langlopende leningen | 537,5 | 460,5 | 740,6 1.738,6 | 550,8 | 533,3 | 459,7 1.543,8 | ||
| Kortlopende leningen | 29,1 | 297,5 | 29,6 | 356,2 | 289,2 | 242,2 | 17,8 | 549,2 |
| Aanpassing voor afgedekte leningen | - | 4,8 | - | 4,8 | - | 38,1 | - | 38,1 |
| Brutoschuld | 566,6 | 762,8 | 770,2 2.099,6 | 840,0 | 813,6 | 477,5 2.131,1 | ||
| Min: geldmiddelen en kasequivalenten | -2,1 | -231,7 | -33,4 | -267,2 | -259,5 | -60,6 | -28,1 | -348,2 |
| Min: vlottende financiële activa | -8,9 | - | - | -8,9 | -10,0 | -2,7 | - | -12,7 |
| Min: overige vorderingen (vaste activa) | -0,5 | - | - | -0,5 | - | - | - | - |
| Nettoschuld | 555,1 | 531,1 | 736,8 1.823,0 | 570,5 | 750,3 | 449,4 1.770,2 |
De groep is verplicht de belangen zonder zeggenschap in Belron in handen van derden over te nemen indien deze laatste hun verkoopopties zouden uitoefenen. IAS 32 vereist dat de uitoefenprijs van zulke opties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap als financiële passiva in de geconsolideerde balans wordt opgenomen.
In mei 2010 heeft de moedermaatschappij de verkoop van 1% van de aandelen van Belron aan de familieholding van de CEO van Belron (lid van de oprichtersfamilie) tegen de prijs van EUR 16,6 miljoen aangekondigd. De moedermaatschappij heeft verkoopopties op die aandelen toegestaan die vanaf vandaag tot 2024 twee keer per jaar uitgeoefend kunnen worden en beschikt zelf over aankoopopties die van 2014 tot 2024 twee keer per jaar uitgeoefend kunnen worden.
De moedermaatschappij en de oprichters, die momenteel een belang van 6,27% in Belron aanhouden, hebben hun aandeelhoudersovereenkomst verlengd van 2014 tot 2024, met verkoop- en aankoopopties die tijdens dezelfde periode twee keer per jaar uitgeoefend kunnen worden.
De Raad van Bestuur beschouwt het verlengen van de aandeelhoudersovereenkomst van een boekhoudkundig standpunt als een voortzetting van de bestaande overeenkomst.
Voor verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap vóór 1 januari 2010, wordt de goodwill aangepast aan het einde van de periode om de veranderingen in de uitoefenprijs van de opties en de boekwaarde van de desbetreffende belangen zonder zeggenschap weer te geven. Deze handelswijze weerspiegelt het economische karakter van de transactie en heeft geen impact op het resultaat van de periode toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij.
Voor verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap vanaf 1 januari 2010, wordt bij de eerste boeking het verschil tussen de vergoeding en de uitoefenprijs van de toegestane opties in het eigen vermogen, groepsaandeel, opgenomen volgens IAS 27 (herziene versie) en IAS 32. Op elk periode-einde zal de waardeaanpassing van de financiële passiva die resulteert uit deze opties in de geconsolideerde winst- en verliesrekening als waardeaanpassingen in de netto financieringkosten worden opgenomen volgens IAS 39.
Op 31 december 2010 bedraagt de uitoefenprijs van alle opties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap EUR 163,0 miljoen. Het bevat EUR 149,8 miljoen verkoopopties met verbonden aankoopopties, uitoefenbaar tot 2024 (zie hierboven) alsook EUR 13,2 miljoen verwachte prijsaanpassing op de door Cobepa in september 2009 uitgeoefende verkoopopties en betaalbaar in 2011.
Wat betreft verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap vóór 1 januari 2010, is het verschil tussen de uitoefenprijs van de opties en de boekwaarde van de belangen zonder zeggenschap (EUR 38,6 miljoen op 31 december 2010) als bijkomende goodwill (EUR 90,6 miljoen op 31 december 2010) voorgesteld.
Voor verkoopopties toegestaan aan aandeelhouders zonder zeggenschap vanaf 1 januari 2010, bedraagt de waardeaanpassing van de financiële passiva die resulteert uit deze opties EUR 1,4 miljoen welke in de geconsolideerde winst- en verliesrekening als waardeaanpassingen in de netto financieringkosten wordt opgenomen (zie toelichting 9).
De uitoefenprijs van de verkoopopties houdt rekening met de geschatte toekomstige rentabiliteit van Belron. Indien de onderliggende schattingen zouden veranderen, zou de waarde van de verkoopopties opgenomen in de balans beïnvloed worden, met impact op de bijhorende goodwill en de netto financieringskosten.
Overige langlopende schulden zijn uitgestelde betalingen in verband met de overnames zonder interest, betaalbaar na meer dan 12 maanden. De boekwaarde van de andere langlopende schulden benadert hun reële waarde.
Handelsschulden en overige te betalen posten worden hieronder geanalyseerd:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- | Auto- | Voertuig- | Groep | Auto- | Auto- | Voertuig- | Groep | |
| distributie | verhuur | beglazing | distributie | verhuur | beglazing | |||
| Handelsschulden | 86,4 | 207,8 | 95,4 | 389,6 | 60,0 | 182,7 | 90,1 | 332,8 |
| Opgelopen kosten en uitgestelde opbrengsten | 51,9 | 212,7 | 2,6 | 267,2 | 50,0 | 199,6 | 2,6 | 252,2 |
| Belastingen niet verbonden met het resultaat | 4,0 | 42,7 | 12,4 | 59,1 | 3,9 | 26,5 | 15,0 | 45,4 |
| Uitgestelde betalingen ivm de overnames | - | - | 5,7 | 5,7 | - | - | 10,6 | 10,6 |
| Overige te betalen posten | 56,8 | 65,1 | 274,1 | 396,0 | 50,4 | 56,5 | 245,9 | 352,8 |
| Handelsschulden en overige te betalen posten | 199,1 | 528,3 | 390,2 1.117,6 | 164,3 | 465,3 | 364,2 | 993,8 |
De terugbetaling van de handelsschulden en overige te betalen posten wordt voorzien binnen de 12 maanden. De boekwaarde van de handelsschulden en overige te betalen posten benadert hun reële waarde.
De personeelskosten worden hieronder geanalyseerd:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Auto- distributie |
Auto- verhuur |
Voertuig- beglazing |
Groep | Auto- distributie |
Auto- verhuur |
Voertuig- beglazing |
Groep | |
| Pensioenkosten voor toegezegd-pensioenregelingen inzake bijdragen na uitdiensttreding |
-4,9 | -6,1 | -12,1 | -23,1 | -5,2 | -6,1 | -9,8 | -21,1 |
| Pensioenkosten voor toegezegd-pensioenregelingen inzake vergoedingen na uitdiensttreding (zie toelichting 20) |
-0,8 | -7,4 | -6,1 | -14,3 | -1,3 | -8,1 | -4,6 | -14,0 |
| Totaal pensioenkosten | -5,7 | -13,5 | -18,2 | -37,4 | -6,5 | -14,2 | -14,4 | -35,1 |
| Bezoldigingen en sociale zekerheid | -123,7 | -249,9 | -1.004,5 -1.378,1 | -116,2 | -246,4 | -913,2 -1.275,8 | ||
| Op aandelen gebaseerde betalingen: afgewikkeld in eigen-vermogensinstrumenten |
-0,6 | -2,1 | - | -2,7 | -0,5 | -0,4 | - | -0,9 |
| Totaal personeelskosten | -130,0 | -265,5 | -1.022,7 -1.418,2 | -123,2 | -261,0 | -927,6 -1.311,8 | ||
| bestaande uit: courante elementen | -130,0 | -265,5 | -1.022,7 -1.418,2 | -123,2 | -260,9 | -927,6 -1.311,7 | ||
| ongebruikelijke elementen (toegezegd-pensioenregelingen inzake vergoedingen na uitdiensttreding - zie toelichtingen 9 en 20) |
- | - | - | - | - | -0,1 | - | -0,1 |
De bovenvermelde kosten houden rekening met de bedragen als last opgenomen in 2010 en 2009 in verband met het langetermijn incentiveplan voor het management vermeld in toelichting 30. De gegevens voor 2009 werden aangepast om het bedrag dat vroeger in de overige bedrijfskosten werd voorgesteld te weerspiegelen (zie toelichting 5).
Het aantal personeelsleden wordt hieronder aangegeven (gemiddeld voltijdse equivalenten):
| 2010 | 2009 | |
|---|---|---|
| Autodistributie | 1.584 | 1.565 |
| Autoverhuur | 5.163 | 5.319 |
| Voertuigbeglazing | 24.790 | 22.399 |
| Groep | 31.537 | 29.283 |
Er bestaan in de groep twee soorten regelingen van op aandelen gebaseerde betalingen afgewikkeld in eigen-vermogensinstrumenten:
De uitstaande opties bedragen:
| Toekenningsdatum | Aantal opties | Uitoefen- | |||
|---|---|---|---|---|---|
| (in eenheden) | prijs | Uitoefenperiode | |||
| 2010 | 2009 | (in EUR) | Van | Tot | |
| 2010 | 81.350 | 0 | 39,60 | 1/1/2014 | 3/10/2020 |
| 2009 | 107.850 | 109.050 | 24,00 | 1/1/2013 | 27/10/2019 |
| 2008 | 121.230 | 123.030 | 12,10 | 1/1/2012 | 5/11/2018 |
| 2007 | 97.130 | 97.730 | 26,40 | 1/1/2011 | 2/12/2022 |
| 2006 | 44.850 | 82.850 | 26,60 | 1/1/2010 | 27/11/2021 |
| 2005 | 58.550 | 107.550 | 20,90 | 1/1/2009 | 6/11/2020 |
| 2004 | 37.350 | 69.850 | 14,20 | 1/1/2008 | 28/11/2019 |
| 2003 | 41.200 | 72.350 | 16,34 | 1/1/2007 | 16/11/2018 |
| 2002 | 37.600 | 55.650 | 11,60 | 1/1/2006 | 13/10/2015 |
| 2001 | 26.250 | 55.300 | 13,30 | 1/1/2005 | 25/10/2014 |
| 2000 | 37.350 | 136.300 | 26,70 | 1/1/2004 | 25/09/2013 |
| 1999 | 57.380 | 109.850 | 37,50 | 1/1/2003 | 17/10/2012 |
| Totaal | 748.090 | 1.019.510 |
Alle uitstaande opties zijn gedekt door eigen aandelen (zie toelichting 29).
De wijzigingen in het aantal uitstaande opties gedurende het jaar zien eruit als volgt:
| Gewogen gemiddelde | ||||
|---|---|---|---|---|
| Aantal | uitoefenprijs | |||
| (in eenheden) | (in EUR) | |||
| 2010 | 2009 | 2010 | 2009 | |
| Uitstaande opties bij het begin van de periode | 1.019.510 | 962.210 | 22,02 | 21,50 |
| Toegekend in de periode | 81.350 | 109.050 | 39,60 | 24,00 |
| Verbeurd in de periode | -3.600 | -7.850 | 18,50 | 37,00 |
| Uitgeoefend in de periode | -349.170 | -67.600 | 23,50 | 15,70 |
| Andere wijzigingen in de periode | - | 23.700 | - | 20,40 |
| Uitstaande opties op het einde van de periode | 748.090 | 1.019.510 | 23,30 | 22,02 |
| waarvan: uitoefenbaar op het einde van de periode | 437.660 | 606.850 | 17,30 | 22,35 |
In 2010 werd een groot deel van de opties uitgeoefend tijdens het eerste kwartaal van het jaar. De gemiddelde koers gedurende de periode bedroeg EUR 26,57 (2009: EUR 17,43).
Voor de uitstaande aandelenopties op het einde van de periode is de gewogen gemiddelde uitstaande contractduur de volgende:
| Aantal | |
|---|---|
| jaren | |
| 31 december 2010 | 8,1 |
| 31 december 2009 | 8,2 |
De IFRS-norm 2 "Op aandelen gebaseerde betalingen" vereist dat de reële waarde van alle aandelenopties toegekend na 7 november 2002 als last wordt opgenomen in de winst- en verliesrekening. De reële waarde van de opties moet geschat worden op elke toekenningsdatum. Een simple Cox model werd op elke toekenningsdatum gebruikt met telkens de aanpassing van de veronderstellingen.
De veronderstellingen voor de toekenningen van 2010 en 2009 zijn de volgende:
| 2010 | 2009 | |
|---|---|---|
| Aantal personeelsleden | 106 | 158 |
| Contante aandeelprijs (in EUR) | 39,58 | 29,66 |
| Optie-uitoefenprijs (in EUR) | 39,60 | 24,00 |
| Wachtperiode (in jaren) | 3,0 | 3,0 |
| Verwachte duur (in jaren) | 6,8 | 6,8 |
| Verwachte volatiliteit (in %) | 32% | 34% |
| Risicoloos rendement (in %) | 2,67% | 3,38% |
| Verwacht dividend (in EUR) | 0,35 | 0,23 |
| Waarschijnlijkheid van uitdiensttreding (in %) | 0% | 0% |
| Gewogen gemiddelde reële waarde per optie (in EUR) | 15,07 | 13,69 |
De verwachte volatiliteit en dividenden werden door een onafhankelijke expert bepaald. Het risicoloze rendement is gebaseerd op de EUR zerocoupon koersen met een duur gelijk aan de toegekende opties.
De aandelenoptieplannen van het segment autoverhuur zouden een verwaterende impact kunnen hebben op het aandeelhouderschap van de groep in Avis Europe plc. Het totale aantal toegekende aandelenopties op 31 december 2010 bedraagt 8.027.400 (2009: 58.062.800). Het vertegenwoordigt 4,1% (2009: 6,3%) van het kapitaal van Avis Europe plc. Deze aandelenopties kunnen uitgeoefend worden tot 2013 (2009: 2013). Alle andere relevante details over deze aandelenoptieplannen worden gegeven in het jaarverslag van Avis Europe plc.
Het thesauriebeleid richt zich op het verzekeren van een permanente toegang tot voldoende liquiditeit, en het opvolgen en inperken van rente- en wisselkoersrisico's. Deze worden hieronder samengevat:
Elk bedrijfssegment van de groep streeft ernaar om over voldoende verbintenissen van fondseninbreng te beschikken om tegemoet te komen aan alle verplichtingen – zoals geschat op basis van de lange termijn financiële projecties – voor ten minste de 12 volgende maanden. De lange termijn financiering wordt beheerd op het niveau van elk bedrijfssegment. Deze financiering wordt aangevuld met verschillende bronnen van liquiditeiten zonder verbintenissen (korte termijn kredietlijnen en handelspapier). De langetermijn financiering bestaat voornamelijk uit:
voor de segmenten autoverhuur en voertuigbeglazing: gesyndiceerde kredietlijnen, onderhandse en publieke obligaties;
voor het segment autodistributie: publieke retail obligaties, effectisering van leasing activiteiten en bilaterale kredietlijnen.
Terugbetalingsdata worden zoveel als mogelijk gelijkmatig gespreid en financieringsbronnen worden gediversifieerd om het herfinancieringsrisico (tijdstip, markt) en de gerelateerde kosten (kredietmargerisico) te beperken.
Cash pooling schema's worden geïmplementeerd (in de segmenten autodistributie en voertuigbeglazing) om de behoefte aan bruto financiering en de bijhorende kosten te minimaliseren.
Hierna volgt een analyse van de contractuele niet-verdisconteerde uitgaande kasstromen met betrekking tot de financiële verplichtingen, en van de afgeleide financiële activa en passiva op balansdatum:
| in miljoen EUR | Verschuldigd Verschuldigd tussen binnen het jaar één en vijf jaar |
Verschuldigd in meer dan vijf jaar |
Totaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Kapitaal Interesten | Kapitaal Interesten | Kapitaal Interesten | Kapitaal Interesten | |||||
| Op 31 december 2010 | ||||||||
| Leningen | ||||||||
| Obligatieleningen | - | 17,8 | 349,6 | 47,0 | - | - | 349,6 | 64,8 |
| Obligaties uitgegeven in het kader van de effectisering |
- | 5,5 | 183,4 | 11,2 | 3,0 | 0,1 | 186,4 | 16,8 |
| Schulden ivm financiële leases | 205,5 | 6,1 | 29,6 | 2,8 | 0,8 | 0,2 | 235,9 | 9,1 |
| Andere leningen | 151,2 | 37,4 | 1.025,7 | 64,3 | 119,9 | 9,4 | 1.296,8 | 111,1 |
| Uitgestelde betalingen ivm de overnames |
0,3 | - | 1,4 | - | 23,4 | - | 25,1 | - |
| Totaal | 357,0 | 66,8 | 1.589,7 | 125,3 | 147,1 | 9,7 | 2.093,8 | 201,8 |
| Handelsschulden en overige te betalen posten | 1.117,3 | - | - | - | - | - | 1.117,3 | - |
| Afgeleide financiële activa en passiva | ||||||||
| Derivatencontracten - te ontvangen | -286,8 | -17,4 | -82,2 | -27,6 | - | - | -369,0 | -45,0 |
| Derivatencontracten - te betalen | 293,7 | 20,2 | 76,9 | 25,8 | - | - | 370,6 | 46,0 |
| Totaal | 1.481,2 | 69,6 | 1.584,4 | 123,5 | 147,1 | 9,7 | 3.212,7 | 202,8 |
| Op 31 december 2009 | ||||||||
| Leningen | ||||||||
| Obligatieleningen | - | 17,8 | 249,5 | 60,5 | 100,0 | 4,3 | 349,5 | 82,6 |
| Obligaties uitgegeven in het kader van de effectisering |
- | 7,8 | 195,9 | 16,5 | 3,9 | 0,1 | 199,8 | 24,4 |
| Schulden ivm financiële leases | 184,9 | 5,1 | 24,6 | 2,3 | 1,0 | 0,2 | 210,5 | 7,6 |
| Andere leningen | 109,8 | 49,6 | 814,7 | 116,2 | 109,6 | 14,9 | 1.034,1 | 180,7 |
| Uitgestelde betalingen ivm de overnames |
275,4 | - | 1,2 | - | 22,6 | - | 299,2 | - |
| Totaal | 570,1 | 80,3 | 1.285,9 | 195,5 | 237,1 | 19,5 | 2.093,1 | 295,3 |
| Handelsschulden en overige te betalen posten | 993,8 | - | - | - | - | - | 993,8 | - |
| Afgeleide financiële activa en passiva | ||||||||
| Derivatencontracten - te ontvangen | -188,0 | -16,2 | -183,6 | -35,7 | - | -4,3 | -371,6 | -56,2 |
| Derivatencontracten - te betalen | 236,3 | 22,2 | 226,0 | 37,5 | - | 3,9 | 462,3 | 63,6 |
| Totaal | 1.612,2 | 86,3 | 1.328,3 | 197,3 | 237,1 | 19,1 | 3.177,6 | 302,7 |
De groep streeft ernaar om de invloed van ongunstige rentebewegingen op de courante financiële resultaten af te toppen, voornamelijk met betrekking tot de volgende 12 maanden. Om de renteblootstelling te beheren, gebruikt de groep voornamelijk FRA's, renteswaps, caps en floors. Elk segment bepaalt zelf het minimum afdekkingspercentage, hetgeen, voor de periode tot 12 maanden, tussen de 50% en de 100% ligt en daarna gradueel afneemt over de tijd.
De algemene afdekkingshorizon bedraagt typisch 3 jaar. Afdekkingen, of vastrentende schulden, voor een periode van meer dan 5 jaar zijn ongebruikelijk.
Meer bepaald, het segment autodistributie streeft er naar om de marges voortkomend uit zijn lange termijn (operationele) lease activiteiten (D'Ieteren Lease) te beschermen. Hier zal de afdekkingshorizon bepaald worden door de looptijd van de lease contracten (geschatte contracttermijn, afschrijvingsprofiel).
Een verandering van 100 basispunten in de rente op rapporteringsdatum zou het eigen vermogen en het resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten hebben doen toenemen/afnemen met de bedragen zoals hieronder getoond. Deze analyse veronderstelt dat alle andere variabelen onveranderd blijven.
| in miljoen EUR | Resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten |
Kasstroomafdekkings reserve |
||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| 1% vermeerdering | 1% vermindering | 1% vermeerdering | 1% vermindering | |||
| 31 december 2010 | -1,0 | 0,9 | -20,4 | 20,4 | ||
| 31 december 2009 | -1,6 | 1,7 | -21,1 | 21,1 |
De doelstelling van de groep is om de kasstromen en investeringen te beschermen tegen mogelijk hoge wisselkoersschommelingen door alle materiële netto deviezenposities af te dekken. Materieel betekent meer dan één miljoen euro. Transactieblootstellingen zijn beperkt en meestal niet materieel. Indien deze toch materieel zouden zijn, worden deze verminderd of geannuleerd van zodra ze worden geïdentificeerd.
Investeringen buiten de Eurozone zorgen voor een omrekeningsrisico. Dit wordt voornamelijk geminimaliseerd door het aangaan van schulden in dezelfde valuta als de kasstromen die door deze activa worden gegenereerd. Ter aanvulling van deze natuurlijke afdekkingen, gebruikt de groep instrumenten zoals termijncontracten in vreemde valuta, swaps, eenvoudige wisselkoersopties en, indien geschikt, "cross currency swaps".
Het niveau van de afdekking wordt op regelmatige basis herzien afhankelijk van de marktomstandigheden en telkens wanneer er een belangrijk actief wordt toegevoegd of verkocht.
Een versterking/verzwakking van 10% van de euro ten opzichte van de volgende deviezen op 31 december zou het eigen vermogen en het resultaat uit voorgezette bedrijfsactiviteiten hebben doen toenemen/afnemen met de bedragen zoals hieronder getoond. Deze analyse veronderstelt dat alle andere variabelen onveranderd blijven:
| in miljoen EUR | Resultaat uit voortgezette bedrijfsactiviteiten |
Eigen vermogen | |||
|---|---|---|---|---|---|
| 10% versterking 10% verzwakking |
10% versterking | 10% verzwakking | |||
| 31 december 2010 | |||||
| EUR/GBP | 7,2 | -7,3 | -17,9 | 20,1 | |
| EUR/USD | -0,3 | 0,3 | -0,3 | 0,3 | |
| EUR/CHF | -0,8 | 0,8 | -3,1 | 3,1 | |
| 31 december 2009 | |||||
| EUR/GBP | -1,5 | 1,5 | -1,9 | 2,0 | |
| EUR/USD | -0,2 | 0,1 | 1,9 | -2,0 | |
| EUR/CHF | 3,6 | -3,6 | -2,4 | 2,4 |
Kredietlimieten met betrekking tot financiële wederpartijen werden opgesteld voor financiële afgeleide producten en gelddeposito's voor wat betreft hun bedrag en looptijd. Deze transacties worden slechts aangegaan bij een beperkt aantal op voorhand gedefinieerde banken op basis van hun kredietwaardigheid, die minstens jaarlijks nagekeken wordt. De vereiste minimumwaardering is A- (Standard & Poor's). Limieten met betrekking tot de duurtijd van de blootstelling per transactiecategorie werden opgesteld ten einde de liquiditeit te beschermen en de impact te beperken in het geval de wederpartij in gebreke valt. De instrumenten en hun documentatie moeten goedgekeurd worden alvorens de geplande transacties plaatsvinden.
Er bestaat geen betekenisvol prijsrisico buiten deze hierboven vermeld.
Binnen dit raamwerk wordt er een ruime autonomie toegekend aan elk van de 3 activiteiten.
De IFRS-norm 7 vereist informatieverschaffing over hoe de waarderingen tegen reële waarde geclassificeerd worden in de hiërarchie opgesteld op basis van de waarderingstechnieken.
De volgende tabel stelt de financiële activa en verplichtingen, gewaardeerd aan de reële waarde, in de hiërarchie voor:
| 2010 | 2009 | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen EUR | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | Totaal |
| Vaste en vlottende activa: | ||||||||
| Voor verkoop beschikbare financiële activa | 0,2 | - | - | 0,2 | 0,1 | - | - | 0,1 |
| Voor afdekking aangehouden derivaten | - | 4,9 | - | 4,9 | - | 0,8 | - | 0,8 |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten | - | 19,7 | 2,2 | 21,9 | - | 19,0 | 1,9 | 20,9 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | - | - | - | - | 234,8 | - | - | 234,8 |
| Totaal activa | 0,2 | 24,6 | 2,2 | 27,0 | 234,9 | 19,8 | 1,9 | 256,6 |
| Langlopende en kortlopende verplichtingen: | ||||||||
| Voor afdekking aangehouden derivaten | - | 30,2 | - | 30,2 | - | 62,7 | - | 62,7 |
| Voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten | - | 24,7 | - | 24,7 | - | 36,0 | - | 36,0 |
| Totaal verplichtingen | - | 54,9 | - | 54,9 | - | 98,7 | - | 98,7 |
Niveau 1 bevat de aan reële waarde gewaardeerde financiële instrumenten waarvan de waardering gebaseerd is op genoteerde prijzen (niet-aangepast) in actieve markten voor identificeerbare activa en verplichtingen. Op 31 december 2010 bevatten de voor verkoop beschikbare financiële activa in het segment voertuigbeglazing een belang zonder zeggenschap in een genoteerde vennootschap.
Niveau 2 bevat de aan reële waarde gewaardeerde financiële instrumenten waarvan de waardering gebaseerd is op andere inputs dan genoteerde prijzen inbegrepen in Niveau 1 die met betrekking tot activa en verplichtingen, ofwel rechtstreeks (zoals prijzen) ofwel onrechtstreeks (dat is, ontleend aan prijzen) waarneembaar zijn. De reële waarden van al de voor afdekking aangehouden derivaten en al de voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten van de groep worden berekend op basis van waarderingstechnieken. Deze waarderingstechnieken maximaliseren het gebruik van waarneembare marktgegevens wanneer beschikbaar, en steunen zo weinig mogelijk op specifieke schattingen van de entiteit. Als alle belangrijke inputs nodig voor de berekening van de financiële instrumenten waarneembaar zijn, is het instrument in Niveau 2 inbegrepen. De reële waarden van al de voor afdekking aangehouden derivaten en al de voor handelsdoeleinden aangehouden derivaten van de groep (buiten de besloten derivaten in het segment autoverhuur – zie toelichting 19) worden berekend op basis van de contante waarde van de geschatte toekomstige kasstromen op basis van de waarneembare rendementscurves, en zijn daarom in Niveau 2 geclassificeerd.
Niveau 3 bevat de aan reële waarde gewaardeerde financiële instrumenten waarvan de waardering afhankelijk is op inputs voor activa en voor verplichtingen die niet gebaseerd zijn op waarneembare gegevens. De reële waarde van de besloten derivaten (in het segment autoverhuur – zie toelichting 19) is berekend op basis van waarderingstechnieken die gebaseerd zijn op beide waarneembare marktrentes, maar ook op veronderstellingen van uitoefeningswaarschijnlijkheid. De besloten derivaten zijn daarom in Niveau 3 geclassificeerd. Veranderingen aan de reële waarde van de besloten derivaten worden in de geconsolideerde winst-en verliesrekening erkend. De gerapporteerde winst van het jaar bedroeg EUR 0,3 miljoen (2009: EUR 1,2 miljoen).
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Verplichtingen tot aankoop van vaste activa | 60,2 | 61,8 |
| Overige belangrijke verplichtingen: | ||
| Gegeven verplichtingen | 40,4 | 39,9 |
| Verworven verplichtingen | 2,8 | 3,1 |
De verplichtingen tot aankoop van vaste activa betreffen hoofdzakelijk de vloot van het segment autoverhuur.
De groep is een lessee in een aantal operationele leases. De samenhangende toekomstige minimale leasebetalingen onder niet afzegbare operationele leases, per vervaldag, is als volgt:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Op hoogstens één jaar | 196,2 | 159,9 |
| Op meer dan één jaar en minder dan vijf jaar | 395,9 | 313,9 |
| Meer dan vijf jaar | 138,2 | 124,3 |
| Totaal | 730,3 | 598,1 |
Op elk jaareinde heeft de groep ook andere voorafbetaalde verplichtingen in verband met operationele leases betreffende voertuigen gekocht met een "buy-back" overeenkomst, opgenomen onder de vorderingen in verband met voertuigen in toelichting 27.
De groep is een lessor in een aantal operationele leases, vooral via zijn 100% dochtermaatschappij s.a. D'Ieteren Lease n.v. De samenhangende toekomstige minimale leasebetalingen onder niet-afzegbare operationele leases, per vervaldag, is als volgt:
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Vastgoed- beleggingen |
Voertuigen | Overige Totaal materiële vaste |
Vastgoed- beleggingen |
Voertuigen | Overige Totaal materiële vaste |
|||
| activa | activa | |||||||
| Op hoogstens één jaar | 0,8 | 86,0 | - | 86,8 | 0,8 | 83,3 | - | 84,1 |
| Op meer dan één jaar en minder dan vijf jaar | 1,6 | 122,5 | - | 124,1 | 2,0 | 116,8 | - | 118,8 |
| Meer dan vijf jaar | 0,2 | 0,2 | - | 0,4 | 0,4 | 0,1 | - | 0,5 |
| Totaal | 2,6 | 208,7 | - | 211,3 | 3,2 | 200,2 | - | 203,4 |
Op elk jaareinde heeft de groep ook andere diverse voorafbetaalde verplichtingen in verband met operationele leases betreffende voertuigen verkocht met een "buy-back" overeenkomst, opgenomen onder de uitgestelde opbrengsten in verband met voertuigen in toelichting 35.
De opbrengsten, kosten, rechten en verplichtingen voortvloeiend uit leaseovereenkomsten in verband met vastgoedbeleggingen worden niet als materieel beschouwd voor de groep. Een algemene beschrijving van deze leaseovereenkomsten wordt bijgevolg niet gegeven.
In het kader van de effectisering (zie toelichtingen 14, 19, 25, 31) heeft D'Ieteren Lease een inpandgeving toegestaan op haar activiteiten aan de obligatiehouders om haar verplichtingen te waarborgen. De inpandgeving werd toegestaan voor de volgende bedragen:
met betrekking tot het referentiebedrag: EUR 309,0 miljoen;
drie jaar interesten berekend tegen een interestvoet van 5%, of een andere interestvoet die kan worden overeengekomen tussen de partijen.
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Met entiteiten die gezamenlijk de zeggenschap uitoefenen of die een invloed van betekenis hebben over de groep: |
||
| Bedrag van de transacties ingegaan gedurende de periode | 0,8 | 0,9 |
| Openstaand creditsaldo op 31 december | 15,0 | 14,3 |
| Met geassocieerde ondernemingen: | ||
| Verkopen | 8,1 | 11,7 |
| Aankopen | -0,3 | -0,1 |
| Openstaande handelsvorderingen op 31 december | 0,5 | 0,6 |
| Met joint ventures: | ||
| Verkopen | 1,7 | 1,4 |
| Openstaande handelsvorderingen op 31 december | 0,6 | 2,4 |
| Met managers op sleutelposities: | ||
| Beloning: | ||
| Kortetermijnpersoneelsbeloningen | 4,4 | 4,4 |
| Vergoedingen na uitdiensttreding | 0,5 | 0,2 |
| Totale beloning | 4,9 | 4,6 |
| Bedrag van de transacties ingegaan gedurende de periode | n/a | n/a |
| Openstaand creditsaldo op 31 december | n/a | n/a |
| Met andere verbonden partijen: | ||
| Bedrag van de transacties ingegaan gedurende de periode | 0,2 | 0,1 |
| Openstaand creditsaldo op 31 december | - | 0,8 |
De volledige lijst van ondernemingen bedoeld door artikels 114 en 165 van het Koninklijk Besluit van 30 januari 2001 tot uitvoering van het Wetboek van Vennootschappen zal neergelegd worden bij de Balanscentrale van de Nationale Bank van België. Die kan ook op eenvoudig verzoek verkregen worden bij de maatschappelijke zetel van de moedermaatschappij (zie toelichting 1).
De belangrijkste geconsolideerde dochterondernemingen van de moedermaatschappij worden hieronder vermeld:
| Naam | Land | % van aandelenkapitaal op 31 december 2010 |
% van aandelenkapitaal op 31 december 2009 |
|---|---|---|---|
| Autodistributie | |||
| s.a. D'Ieteren Lease n.v. | België | 100% | 100% |
| s.a. D'Ieteren Sport n.v. | België | 75% | 75% |
| s.a. D'Ieteren Services n.v. | België | 100% | 100% |
| s.a. D'Ieteren Treasury n.v. | België | 100% | 100% |
| D'Ieteren Trading b.v. | Nederland | 100% | 100% |
| D'Ieteren Car Rental s.a. | Luxemburg | 100% | 100% |
| D'Ieteren Vehicle Glass s.a. | Luxemburg | 100% | - |
| Dicobel s.a. | België | 100% | 100% |
| Autoverhuur | |||
| Avis Europe plc | Verenigd Koninkrijk | 59,59% | 59,59% |
| Voertuigbeglazing | |||
| Belron s.a. | Luxemburg | 92,73% | 77,38% |
Door rekening te houden met de eigen aandelen in het bezit van Avis Europe zijn de percentages gebruikt voor de consolidatie van Avis Europe hoger dan de hierboven vermelde participatie in het geplaatste kapitaal van Avis Europe:
| 2010 | 2009 | |
|---|---|---|
| Gemiddeld percentage | 60,06% | 59,72% |
| Percentage op jaareinde | 60,05% | 60,07% |
Door rekening te houden met de impact van de verkoop van 1% van de aandelen van de vennootschap aan de familieholding van de CEO van Belron, verschilde het gemiddelde percentage gebruikt voor de consolidatie van Belron in 2010 van het percentage op jaareinde. In 2009 was het verschil tussen die twee percentages te wijten aan de uitoefening door Cobepa van zijn verkoopopties op 16,35% van het aandelenkapitaal van Belron op 1 september 2009.
| 2010 | 2009 | |
|---|---|---|
| Gemiddeld percentage(1) | 93,24% | 80,23% |
| Percentage op jaareinde | 92,73% | 93,73% |
(1) In 2009, gemiddeld percentage gebruikt voor de winst of het verlies toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten van de moedermaatschappij (80,43% voor het courante PBT, groepsaandeel).
De maandelijkse winst- en verliesrekeningen van buitenlandse operaties worden omgerekend met de relevante wisselkoers voor die maand. Met uitzondering van de balans die omgerekend wordt aan de slotkoers, zijn alle lijnen in de geconsolideerde jaarrekening gebaseerd op een gewogen gemiddelde koers.
De voornaamste wisselkoersen gebruikt voor de omrekeningen zijn de volgende:
| Aantal euro's voor een munteenheid vreemde munt | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Slotkoers | ||
| AUD | 0,76 | 0,62 |
| BRL | 0,45 | 0,39 |
| CAD | 0,75 | 0,65 |
| GBP | 1,18 | 1,12 |
| USD | 0,76 | 0,69 |
| Gemiddelde koers (1) | ||
| AUD | 0,70 | 0,57 |
| BRL | 0,43 | 0,36 |
| CAD | 0,74 | 0,63 |
| GBP | 1,18 | 1,15 |
| USD | 0,76 | 0,72 |
(1) Effectieve gemiddelde koers voor de winst of het verlies toerekenbaar aan houders van eigen-vermogensinstrumenten.
In het kader van de herfinancering van zijn bestaande schuld heeft Belron onderhandse leningen voor een bedrag van USD 250 miljoen op 3 februari 2011 uitgegeven via haar 100% dochtermaatschappij Belron Finance Limited. Deze onderhandse leningen dragen een vaste rentevoet tussen 4,51% en 5,25% en vervallen tussen 2018 en 2023.
Verslag van de Commissaris aan de Algemene Vergadering der Aandeelhouders van D'Ieteren n.v. over de geconsolideerde jaarrekening over het boekjaar afgesloten op 31 december 2010
Overeenkomstig de wettelijke bepalingen, brengen wij u verslag uit in het kader van ons mandaat van Commissaris. Dit verslag omvat ons oordeel over het getrouwe beeld van de geconsolideerde jaarrekening evenals de vereiste bijkomende vermeldingen.
Wij hebben de controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening over het boekjaar afgesloten op 31 december 2010, opgesteld op basis van International Financial Reporting Standards zoals aanvaard binnen de Europese Unie, met een balanstotaal van EUR 5.357,1 miljoen en waarvan de resultatenrekening afsluit met een winst van het boekjaar toerekenbaar aan de houders van eigenvermogensinstrumenten van EUR 218,8 miljoen.
Deze rekeningen bevatten meerdere filialen van Belgisch of buitenlands recht waarvan de controle aan andere revisoren werd toevertrouwd. In het kader van de uitvoering van onze opdracht hebben zij de onderliggende financiële staten van deze filialen in het kader van de opname in de consolidatie geattesteerd.
Het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening valt onder de verantwoordelijkheid van het bestuursorgaan. Deze verantwoordelijkheid omvat onder meer: het opzetten, implementeren en in stand houden van een interne controle met betrekking tot het opstellen en de getrouwe weergave van de geconsolideerde jaarrekening die geen afwijkingen van materieel belang, als gevolg van fraude of van het maken van fouten, bevat; het kiezen en toepassen van geschikte grondslagen voor de financiële verslaggeving en het maken van boekhoudkundige ramingen die onder de gegeven omstandigheden redelijk zijn.
Het is onze verantwoordelijkheid een oordeel over deze geconsolideerde jaarrekening tot uitdrukking te brengen op basis van onze controle. Wij hebben onze controle uitgevoerd overeenkomstig de wettelijke bepalingen en volgens de in België geldende controlenormen, zoals uitgevaardigd door het Instituut van de Bedrijfsrevisoren. Deze controlenormen vereisen dat onze controle zo wordt georganiseerd en uitgevoerd dat een redelijke mate van zekerheid wordt verkregen dat de geconsolideerde jaarrekening geen afwijkingen van materieel belang, als gevolg van fraude of van het maken van fouten, bevat.
Overeenkomstig deze normen hebben wij controlewerkzaamheden uitgevoerd ter staving van de in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen bedragen en inlichtingen. De keuze van de uitgevoerde werkzaamheden is afhankelijk van onze behoordeling en van de inschatting van het risico op materiële afwijkingen in de geconsolideerde jaarrekening als gevolg van fraude of van fouten. Bij het maken van die risico-inschatting, hebben wij rekening gehouden met de interne controle van de vennootschap met betrekking tot de opstelling en de getrouwe weergave van de geconsolideerde jaarrekening om controleprocedures vast te leggen die geschikt zijn in de gegeven omstandigheden, maar niet om een oordeel te geven over de doeltreffendheid van die interne controle. Wij hebben tevens een beoordeling gemaakt van het passend karakter van de grondslagen voor de financiële verslaggeving, van de consolidatiegrondslagen, van de redelijkheid van de door de vennootschap gemaakte boekhoudkundige ramingen en van de voorstelling van de geconsolideerde jaarrekening in haar geheel. Ten slotte hebben wij van het bestuursorgaan en de verantwoordelijken van de vennootschap de voor onze controle noodzakelijke verduidelijkingen en inlichtingen bekomen. Wij zijn van mening dat de door ons verkregen informatie een redelijke basis vormt voor het uitbrengen van ons oordeel.
Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening afgesloten op 31 december 2010 een getrouw beeld van het vermogen, van de financiële positie, van de financiële prestaties en van de kasstromen van het geconsolideerde geheel, in overeenstemming met International Financial Reporting Standards zoals aanvaard binnen de Europese Unie.
Het opstellen en de inhoud van het geconsolideerde jaarverslag vallen onder de verantwoordelijkheid van het bestuurs-orgaan.
Het is onze verantwoordelijkheid om in ons verslag de volgende bijkomende vermeldingen op te nemen die niet van aard zijn om de draagwijdte van onze verklaring over de geconsolideerde jaarrekening te wijzigen:
Gedaan te Lasne, op 24 maart 2011
SC BDO DELVAUX, FRONVILLE, SERVAIS ET ASSOCIES Commissaris Vertegenwoordigd door
Jean-Louis SERVAIS Gérard DELVAUX Bedrijfsrevisor Bedrijfsrevisor
De statutaire jaarrekening van s.a. D'Ieteren n.v. wordt hieronder samengevat overeenkomstig artikel 105 van de vennootschapswet. De gehele versie van de statutaire jaarrekening, samen met het jaarverslag van de Raad van bestuur en het verslag van de Commissaris, zullen binnen de wettelijke termijn bij de Nationale Bank van België neergelegd worden en kunnen gratis verkregen worden via het internet (www.dieteren.com) of op aanvraag bij:
s.a. D'Ieteren n.v. Maliestraat 50 B - 1050 Brussel
De Commissaris heeft een goedkeurende verklaring zonder voorbehoud van de statutaire jaarrekening gegeven.
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | |
|---|---|---|---|
| ACTIVA | |||
| Vaste activa | 2.419,0 | 2.032,0 | |
| II. | Immateriële vaste activa | 1,2 | 1,8 |
| III. | Materiële vaste activa | 95,5 | 90,2 |
| IV. | Financiële vaste activa | 2.322,3 | 1.940,0 |
| Vlottende activa | 350,3 | 358,4 | |
| V. | Vorderingen op meer dan één jaar | 0,1 | 0,1 |
| VI. | Voorraden | 299,1 | 250,0 |
| VII. | Vorderingen op ten hoogste één jaar | 23,7 | 76,3 |
| VIII. | Geldbeleggingen | 17,8 | 21,7 |
| IX. | Liquide middelen | 1,4 | 0,7 |
| X. | Overlopende rekeningen | 8,2 | 9,6 |
| TOTAAL DER ACTIVA | 2.769,3 | 2.390,4 | |
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | |
| PASSIVA | |||
| Eigen vermogen | 833,1 | 755,9 | |
| I.A. | Geplaatst kapitaal | 160,0 | 160,0 |
| II. | Uitgiftepremies | 24,4 | 24,4 |
| IV. | Reserves | 608,7 | 541,5 |
| V. | Overgedragen winst | 40,0 | 30,0 |
| Voorzieningen en uitgestelde belastingen | 31,6 | 29,6 | |
| Schulden | 1.904,6 | 1.604,9 | |
| VIII. | Schulden op meer dan één jaar | 1.363,4 | 1.278,8 |
| IX. | Schulden op ten hoogste één jaar | 489,4 | 279,6 |
| X. | Overlopende rekeningen | 51,8 | 46,5 |
| TOTAAL DER PASSIVA | 2.769,3 | 2.390,4 |
Jaar afgesloten op 31 december
| in miljoen EUR | 2010 | 2009 | |
|---|---|---|---|
| I. | Bedrijfsopbrengsten | 2.640,4 | 2.351,7 |
| II. | Bedrijfskosten | 2.579,0 | 2.309,3 |
| III. | Bedrijfswinst | 61,4 | 42,4 |
| IV. | Financiële opbrengsten | 84,7 | 79,8 |
| V. | Financiële kosten | 54,7 | 38,7 |
| VI. | Resultaat uit de gewone bedrijfsuitoefening, vóór belasting | 91,4 | 83,5 |
| VII. | Uitzonderlijke opbrengsten | 9,4 | - |
| VIII. | Uitzonderlijke kosten | - | 0,8 |
| IX. | Resultaat van het boekjaar vóór belasting | 100,8 | 82,7 |
| IXbis. | Uitgestelde belastingen | - | - |
| X. | Belastingen op het resultaat | - | -0,6 |
| XI. | Resultaat van het boekjaar | 100,8 | 83,3 |
| XII. | Wijziging van de belastingvrije reserves (1) | - | - |
| XIII. | Te bestemmen resultaat van het boekjaar | 100,8 | 83,3 |
(1) Onttrekking aan de belastingvrije reserves (+) / Overboeking naar de belastingvrije reserves (-).
De Commissaris voor de statutaire rekeningen is SC BDO, DELVAUX, FRONVILLE, SERVAIS ET ASSOCIÉS, Réviseurs d'entreprises – Bedrijfsrevisoren ("BDO – DFSA"). De vergoeding van de Commissaris, inclusief de honoraria gefactureerd door entiteiten die in verband zijn met de Commissaris voor de statutaire rekeningen overeenkomstig artikel 134 van de vennootschapswet, wordt als volgt geanalyseerd:
| in EUR | 2010 | 2009 |
|---|---|---|
| Revisorale opdrachten | ||
| s.a. D'Ieteren n.v. (gefactureerd door BDO – DFSA) | 160.000 | 160.000 |
| Andere opdrachten | ||
| Andere controleopdrachten | ||
| s.a. D'Ieteren n.v. (gefactureerd door BDO – DFSA) | 27.104 | 11.796 |
| Belastingadvies (gefactureerd door SC BDO – DFSA, Conseils fiscaux – Belastingsconsulenten – voorheen Socofidex) | 14.213 | 8.749 |
| TOTAAL | 201.317 | 180.545 |
De geactiveerde informatica ontwikkelingskosten (immateriële vaste activa) worden volgens de lineaire methode afgeschreven gedurende hun gehele economische levensduur. De duur van deze afschrijving mag niet kleiner zijn dan 2 jaar noch groter dan 7 jaar. Materiële vaste activa worden gewaardeerd aan hun aanschaffingswaarde. De interestkosten van het opgenomen kapitaal ter financiering van de investering zijn hier niet inbegrepen. Vaste activa die in bruikleen, financieringshuur of gelijkaardige rechten worden gehouden, worden voor hun reconstitutiewaarde in kapitaal opgenomen. De afschrijvingspercentages van de vaste activa worden bepaald in functie van de vermoedelijke economische gebruiksduur. Vanaf 1 januari 2003 worden de verworven of de na deze datum opgestelde vaste activa pro rata temporis afgeschreven. De hieraan verbonden kosten worden over dezelfde periode afgeschreven.
De voornaamste afschrijvingspercentages zijn de volgende:
| Percentage | Methode | |
|---|---|---|
| Gebouwen | 5% | L/D |
| Inrichting van lokalen | 10% | L/D |
| Magazijn- en garage uitrusting | 15% | L/D |
| Netwerkidentificatiematerieel | 20% | L/D |
| Kantoormeubilair | 10% | L/D |
| Kantoormaterieel | 20% | L/D |
| Rollend materieel | 25% | L |
| Verwarmingsuitrusting | 10% | L/D |
| Informatica-uitrusting | 20%-33% | L/D |
L: lineair.
D: degressief (percentage dubbel zo hoog als het basispercentage).
Materiële vaste activa worden geherwaardeerd wanneer ze een zekere duurzame meerwaarde vertonen. De afschrijvingen op de herwaarderingsmeerwaarden worden lineair berekend op de resterende looptijd voorzien in het afschrijvingsplan van de betrokken goederen.
Financiële vaste activa worden opgenomen aan hun aanschaffingsprijs, na aftrek van de nog niet opgevorderde bedragen (deelnemingen) of aan de nominale waarde (vorderingen). Ze kunnen aan herwaardering worden onderworpen. Ze ondergaan waardeverminderingen in geval van duurzame minderwaarde of waardevermindering. Bijkomende kosten worden ten laste genomen tijdens het boekjaar.
Vorderingen op meer dan één jaar en vorderingen op ten hoogste één jaar worden gewaardeerd aan hun nominale waarde. Waardeverminderingen worden toegepast indien de terugbetaling na afloop van de termijn geheel of gedeeltelijk onzeker is of in gevaar gebracht wordt, of indien de realisatiewaarde bij afsluiting van het boekjaar lager is dan de boekwaarde.
Voorraden nieuwe wagens worden gewaardeerd aan hun geïndividualiseerde aanschaffingsprijs. De andere voorraadrubrieken worden gewaardeerd aan hun aanschaffingsprijs volgens de fifomethode, de gewogen gemiddelde prijs of de geïndividualiseerde aanschaffingsprijs. Waardeverminderingen worden toegepast naargelang de realisatiewaarde of de marktwaarde.
Geldbeleggingen en liquide middelen worden opgenomen aan hun aanschaffingswaarde. Ze zijn onderhevig aan waardeverminderingen indien de realisatiewaarde bij afsluiting van het boekjaar lager ligt dan de aanschaffingswaarde. Indien deze beleggingen uit eigen aandelen bestaan, aangehouden ter dekking van aandelenopties, worden bijkomende waardeverminderingen geboekt als de uitoefenprijs lager ligt dan de boekwaarde zoals beschreven in voorgaande paragraaf.
Voorzieningen voor risico's en kosten worden geïndividualiseerd opgenomen en houden rekening met voorzienbare risico's. Ze zijn aan terugname onderhevig in zover ze bij afsluiting van het boekjaar een actuele schatting overschrijden van de risico's en kosten waarvoor ze zijn opgesteld.
Schulden worden aan hun nominale waarde opgenomen.
Financiële vaste activa worden gewaardeerd in overeenstemming met het advies 152/4 van de Commissie voor Boekhoudnormen. Voorraden worden aan de historische koers gewaardeerd, of aan de gemiddelde koers bij afsluiting van het boekjaar, indien deze lager ligt dan de historische koers. Monetaire posten en verplichtingen worden gewaardeerd aan de officiële slotkoers of aan de koers van het contract in het geval van specifieke afdekkingstransacties. Alleen de negatieve verschillen per valuta worden in het resultaat opgenomen.
De vennootschap voegt zich naar de Belgische Corporate Governance Code 2009, die beschikbaar is op de site www.corporategovernancecommittee.be. Ze publiceert sinds 1 januari 2006 haar Corporate Governance Charter op haar website (www.dieteren.com). Bij de toepassing van de principes van de Belgische Code wordt echter rekening gehouden met de bijzondere structuur van het aandeelhouderschap van de vennootschap, waarvan de familiale aandeelhouders de meerderheid hebben en de stabiliteit verzekeren sinds 1805. De derogaties van de Code worden uiteengezet pagina 131 van deze Corporate Governance verklaring.
zes niet-uitvoerende bestuurders, benoemd op voorstel van de familiale aandeelhouders;
één niet-uitvoerende bestuurder, benoemd op voorstel van Cobepa;
vijf niet-uitvoerende bestuurders, waar onder drie onafhankelijke, ge-
De Voorzitter en Ondervoorzitter van
de Raad zijn gekozen onder de bestuurders die op voorstel van de familiale aandeelhouders benoemd zijn.
Behoudens zijn wettelijke en statutaire bevoegdheden en die van de Algemene Vergadering, voert de Raad van bestuur de volgende taken uit:
de strategie en waarden van de vennootschap bepalen;
haar plannen en budgetten goedkeuren;
beslissen over de belangrijke fi nanciële operaties, overnames en des-
investeringen;
ervoor zorgen dat de nodige structuren, processen en controles geïmplementeerd zijn om de doelstellingen van de vennootschap te bereiken en de eraan verbonden risico's passend te beheren;
de bestuurders aanduiden die door de vennootschap worden voorgesteld voor de raden van bestuur van haar belangrijkste dochterondernemingen;
de CEO benoemen en herroepen, alsook op voorstel van de CEO de directieleden die aan hem rapporteren, en hun bezoldiging bepalen;
toezicht houden op en onderzoek uitvoeren wat betreft de prestaties van het dagelijkse bestuur;
toezicht houden op de communicatie met de aandeelhouders en andere belanghebbenden van de vennootschap;
het bedrag van het dividend bepalen. In dit kader is de Raad van bestuur van plan zijn bestaande beleid van een zo groot mogelijke autofi nanciering voor de ontwikkeling van de Groep voort te zetten en een regelmatige groei van de dividenden te garanderen, in de mate dat de resultaten dit toelaten.
| Samenstelling | Auditcomité 1 | Benoemingscomité | Remuneratiecomité 1 |
|---|---|---|---|
| Voorzitter | Pascal Minne | Roland D'Ieteren 3 | Roland D'Ieteren 3 |
| Leden | Gilbert van Marcke de Lummen 2 Christian Varin |
Christine Blondel 2 Axel Miller 2 Pascal Minne 3 Alain Philippson 3 |
Christine Blondel 2 Axel Miller 2 |
Rekening houdend met hun respectieve opleidingen en hun managementervaring in bedrijven met een industrieel of fi nancieel karakter, beschikken de leden van het auditcomité enerzijds en van het remuneratiecomité anderzijds over de door de wet vereiste vaardigheden inzake boekhouding en audit voor de eerstgenoemden en inzake remuneratiebeleid voor de laatstgenoemden.
Onafhankelijk bestuurder. 3. Lid van het gezamenlijke Benoemings- en Remuneratiecomité tot 17 november 2010.
DIETEREN JAARVERSLAG 2010
| Samenstelling van de Raad van bestuur (per 31 december 2010) | Toetreding tot de Raad |
Einde van het mandaat |
|
|---|---|---|---|
| Roland D'Ieteren (68) 1 | Voorzitter van de Raad Handelsingenieur (Solvay), MBA (INSEAD). Directeur-generaal van D'Ieteren van 1975 tot 2005. Voorzitter van de Raad van bestuur van D'Ieteren sinds 2005. Bestuurder van Avis Europe en Belron. |
1973 | Mei 2014 |
| Maurice Périer (72) 1 | Ondervoorzitter van de Raad Kandidaat Burgerlijk Ingenieur en kandidaat Handelsingenieur Solvay (ULB). Carrière bij ELECTROBEL (1971-1987): beheercontroleur; CEO van een dochteronderneming actief in de elektroakoestiek; studiebureau; Secretaris-generaal van ELECTROBEL Engineering Int. Bestuurder van D'IETEREN sinds 1978. Ondervoorzitter van de Raad sinds 1993. Bestuurder van Belron. |
1978 | Mei 2011 |
| Jean-Pierre Bizet (62) | Gedelegeerd bestuurder Handelsingenieur (Solvay), MBA (Harvard), Doctor in de Toegepaste Economie (ULB). Consultant, partner, director bij McKinsey (1980-1994). Gedelegeerd bestuurder van GIB Group (1999-2002). Trad in 2002 in dienst bij D'Ieteren. Gedelegeerd bestuurder van D'Ieteren sinds 2005. Voorzitter van de Raad van bestuur van Belron en Ondervoorzitter van Avis Europe. |
2005 | Mei 2011 |
| Nicolas D'Ieteren (35) 1 | Niet-uitvoerend bestuurder BSc Finance & Management (Universiteit van Londen); Asia Int'l Executive Program en Human Resources Management in Asia Program (INSEAD). Leider van projecten bij Bentley Germany en Porsche Austria. Van 2003 tot 2005, fi nancieel directeur van een afdeling van Total VK. Sinds 2005 gedelegeerd bestuurder van een Private Equity Fonds dat belegt in jonge ondernemingen. |
2005 | Mei 2011 |
| Olivier Périer (39) 1 | Niet-uitvoerend bestuurder Diploma architectuur, richting stedenbouw (ULB); Executive Program for the Automotive Industry (SOLVAY); International Executive Program (INSEAD). Sinds 2000 vennoot-oprichter van het architectuurbureau Urban Platform. Gedelegeerd bestuurder van SPDG sinds augustus 2010. |
2005 | Mei 2011 |
| s.a. de Participations et de Gestion (SPDG) 1 |
Niet-uitvoerend bestuurder – Vaste vertegenwoordiger: Michel Allé (59) Burgerlijk Ingenieur en economist (ULB). Trad in 1987 in dienst bij Cobepa en was er lid van het Directiecomité (1995-2000). Financieel directeur van BIAC (Brussels Airport, 2001-2005). Financieel directeur van SNCB Holding sinds 2005. Bestuurder van Telenet, Voorzitter van de Raad van Euroscreen. Vertegenwoordigt SPDG in de Raad van bestuur van D'Ieteren. Professor aan de ULB. |
2001 | Mei 2014 |
| Nayarit Participations s.c.a. 1 Niet-uitvoerend bestuurder – Vaste vertegenwoordiger: Etienne Heilporn (71) Doctor in de Rechten (ULB), advocaat bij de balie van Brussel. Vennoot van het advocatenkantoor Simont Gutt & Simont/Stibbe (1971-2001). Vennoot-oprichter van het advocatenkantoor Heilporn & Kadaner, gespecialiseerd in ondernemingsrecht (2003). Vertegenwoordigt Nayarit Participations in de Raad van bestuur van D'Ieteren. |
2001 | Mei 2014 |
| Samenstelling van de Raad van bestuur (per 31 december 2010) | Toetreding tot de Raad |
Einde van het mandaat |
|
|---|---|---|---|
| Christine Blondel (52) | Niet-uitvoerend onafhankelijk bestuurder Ecole Polytechnique (Frankrijk), MBA (INSEAD). Oefende uitvoerende functies uit bij Procter & Gamble en leidde het Wendel Centre for Family Enterprise aan INSEAD. Adjunct-professor Family Enterprise aan INSEAD; adviseur inzake het bestuur van familiebedrijven; bestuurder van de Fondation INSEAD. |
2009 | Mei 2013 |
| Pascal Minne (60) 4 | Niet-uitvoerend bestuurder Diploma Rechten (ULB), master in de economie (Oxford). Partner en Voorzitter van PriceWaterhouseCoopers België (tot in 2001). Gedelegeerd bestuurder van Petercam sinds 2001. Bestuurder van vennootschappen. Professor fi scaal recht aan de ULB. |
2001 | Mei 2014 |
| Axel Miller (45) | Niet-uitvoerend onafhankelijk bestuurder Diploma Rechten (ULB). Partner van Stibbe Simont, later Clifford Chance (1996-2001). Na de uitoefening van diverse uitvoerende functies binnen de bank en de groep Dexia werd hij in 2006 gedelegeerd bestuurder. Partner van Petercam sinds 2009. Bestuurder van vennootschappen: Carmeuse (Voorzitter), Spadel. |
2010 | Mei 2014 |
| Alain Philippson (71) | Niet-uitvoerend bestuurder Handelsingenieur (ULB). Trad in 1972 in dienst bij Bank Degroof en is nu bestuurder en Erevoorzitter. Voorzitter van de Raad van bestuur van Banque Degroof Luxembourg en Degroof Banque Privée Genève. Voorzitter van de Overlegraad van de SBSEM (ULB) en van tal van stichtingen. |
1987 | Mei 2013 |
| Gilbert van Marcke de Lummen (73) 2 |
Niet-uitvoerend onafhankelijk bestuurder Burgerlijk Ingenieur (ULB). Lid (1968-1992) en nadien Ondervoorzitter (1992-2002) van het Uitvoerend Comité van D'Ieteren. Voormalig bestuurder van Avis Europe (1987-2007) en Belron (1999-2007). Bestuurder en Voorzitter van het auditcomité van Cofi nimmo. |
2003 | Mei 2011 |
| Christian Varin (63) 3, 4 | Niet-uitvoerend bestuurder Institut d'Etudes Politiques (Parijs), MBA (Wharton), Doctor in Management (Universiteit van Parijs). Gedelegeerd bestuurder van Cobepa (tot in 2010), Voorzitter van de Raad van bestuur van Cobepa. Bestuurder van vennootschappen (ISOS, Helse, Sapec, BeCapital). |
2001 | Mei 2014 |
Benoemd op voorstel van de familiale aandeelhouders.
Voormalig directielid.
Benoemd op voorstel van Cobepa.
Heeft zijn hoedanigheid als onafhankelijk bestuurder verloren in mei 2010, in overeenstemming met artikel 526ter van het Wetboek van Vennootschappen, dat voorziet dat een bestuurder niet meer onafhankelijk is na de uitoefening van 3 mandaten.
De Raad van bestuur komt minstens zes keer per jaar bijeen. Indien nodig worden bijkomende vergaderingen gehouden. De beslissingen van de Raad van bestuur worden bij meerderheid van stemmen genomen. Bij staken van stemmen is de stem van de Voorzitter doorslaggevend. In 2010 kwam de Raad negen keer bijeen. Alle bestuurders hebben alle vergaderingen bijgewoond, behalve de Heren Roland D'Ieteren en Olivier Périer, die elk voor één vergadering werden geexcuseerd.
De Gewone Algemene Vergadering die gehouden werd op 27 mei 2010 heeft de Heer Axel Miller aangesteld als onafhankelijk bestuurder voor een termijn van 4 jaar en heeft voor dezelfde duur de mandaten verlengd van de Heren Roland D'Ieteren, Pascal Minne en Christian Varin en van de vennootschappen S.A. SPDG en s.c.a. Nayarit Participations.
Begin 2005 heeft de Raad beslist twee Bestuurscomités op te richten:
het Auditcomité dat in 2010 vier keer bijeenkwam, waarvan twee keer in aanwezigheid van de Commissaris, en dat verslag uitbracht over zijn activiteiten aan de Raad van bestuur;
het Benoemings- en Remuneratiecomité dat in 2010 vier keer bijeenkwam en dat verslag uitbracht over zijn activiteiten aan de Raad van bestuur. Dit gezamenlijke comité dat in 2005 werd opgericht, was werkzaam tot in november 2010. Toen werd het gesplitst in twee afzonderlijke comités waarvan de samenstelling uiteengezet wordt in de tabel pagina 125.
Het Auditcomité bestaat uit drie nietuitvoerende bestuurders, waarvan ten minste één onafhankelijke; de Voorzitter, die zich kan laten vertegenwoordigen door de Ondervoorzitter, wordt op de vergaderingen van het Auditcomité uitgenodigd. De opdrachten van het Auditcomité bestaan er hoofdzakelijk in toezicht te houden op de jaarrekeningen van de vennootschap, het risicobeheer – waaronder eveneens het beheer van de risico's verbonden aan de inachtneming van de wetgevingen – op te volgen en de effi ciëntie van de externe en interne audits te waarborgen. Het Comité neemt kennis van de verslagen van de Commissarissen betreffende de halfjaar- en jaarresultaten van de geconsolideerde dochterondernemingen. Het Auditcomité komt minstens viermaal per jaar samen, waarvan eenmaal per semester in aanwezigheid van de Commissaris, en brengt verslag uit over zijn activiteiten aan de Raad van bestuur. Het Charter van het Auditcomité zoals aangenomen door de Raad van bestuur is opgenomen in Bijlage I van het Corporate Governance Charter dat beschikbaar is op de website van de vennootschap.
Het Benoemingscomité bestaat uit vijf niet-uitvoerende bestuurders, waaronder de Voorzitter van de Raad van bestuur, die het comité voorzit, en ten minste één onafhankelijke bestuurder. Het comité legt de Raad voorstellen voor die betrekking hebben op de benoeming van de niet-uitvoerende bestuurders, de CEO en, op voorstel van deze laatste, de directieleden die aan hem rapporteren, en zorgt ervoor dat er formele, rigoureuze en transparante procedures bestaan binnen de vennootschap om de beslissingen van de Raad te ondersteunen. Het comité komt minstens tweemaal per jaar samen en brengt verslag uit over zijn activiteiten aan de Raad van bestuur. Het Charter van het Benoemingscomité zoals aangenomen door de Raad van bestuur is opgenomen in Bijlage II a van het Corporate Governance Charter dat beschikbaar is op de website van de vennootschap.
Het Remuneratiecomité bestaat uit drie niet-uitvoerende bestuurders, waaronder de Voorzitter van de Raad van bestuur, die het comité voorzit, en een meerderheid onafhankelijke bestuurders. Het comité legt de Raad voorstellen voor die betrekking hebben op de remuneratie van de nietuitvoerende bestuurders, de CEO en, op voorstel van deze laatste, de directieleden die aan hem rapporteren, en zorgt ervoor dat er formele, rigoureuze en transparante procedures bestaan binnen de vennootschap om de beslissingen van de Raad te ondersteunen. Het comité komt minstens tweemaal per jaar samen en brengt verslag uit over zijn activiteiten aan de Raad van bestuur. Het Charter van het Remuneratiecomité zoals aangenomen door de Raad van bestuur is opgenomen in Bijlage II b van het Corporate Governance Charter dat beschikbaar is op de website van de vennootschap.
De Voorzitter en de Ondervoorzitter komen maandelijks samen, in het Overlegcomité, met de gedelegeerd bestuurder, om een regelmatige samenwerking te waarborgen, de gang van zaken op te volgen, de vooruitgang van belangrijke projecten na te gaan en de vergaderingen van de Raad van bestuur voor te bereiden.
Het is de bestuurders en directieleden niet toegestaan om zonder de uitdrukkelijke toestemming van de Raad van bestuur betaalde diensten te leveren en rechtstreeks of onrechtstreeks goederen te kopen of te verkopen aan de vennootschap of vennootschappen van haar groep in het kader van transacties die geen deel uitmaken van hun mandaten of functies. De transacties uitgevoerd binnen het gebruikelijke kader van de activiteiten van de vennootschap vormen hierop als enige een uitzondering.
Ze zijn ertoe gehouden om de Voorzitter of de gedelegeerd bestuurder te raadplegen die beslist of er bij de Raad van bestuur om een derogatie kan worden verzocht en, in dit laatste geval, of de Secretaris van de Raad ingelicht moet worden over de details van de transactie. De Secretaris zal ervoor zorgen dat de desbetreffende wettelijke maatregelen toegepast worden. De uitvoering van voornoemde transacties is in elk geval slechts toegestaan als ze worden uitgevoerd tegen marktvoorwaarden.
De Raad van bestuur en zijn comités evalueren regelmatig, en minstens één keer om de drie jaar, hun omvang, hun samenstelling, hun werking, hun prestaties en hun relaties met de directieleden als organen van de vennootschap, evenals de individuele bijdrage van elke bestuurder aan de globale werking ten einde de effi ciëntie van hun werking en de bijdrage ervan aan het deugdelijke bestuur van de vennootschap en hun groep voortdurend te verbeteren.
Deze zelfevaluatie gebeurt aan de
hand van een gedetailleerde vragenlijst die elke bestuurder ontvangt en waarin de verschillende hiervoor vermelde evaluatiecriteria aan bod komen. Een samenvatting van de antwoorden wordt voorgesteld aan de Raad van bestuur en, in voorkomend geval, aan het betrokken comité.
In 2010 heeft het Auditcomité een zelfevaluatie uitgevoerd. De bevindingen van deze evaluatie werden in februari 2011 meegedeeld aan de Raad van bestuur.
Het executieve management van de Groep bestaat uit de CEO van de Groep, de CFO van de Groep, de CLO van de Groep en de Group Treasurer. De gedelegeerd bestuurder (CEO) is verantwoordelijk voor het dagelijkse beheer van de Groep. Hij wordt bijgestaan door het Corporate management, dat op Groepsniveau belast is met de taken fi nanciën, fi nanciële communicatie, relaties met de beleggers, consolidatie van de rekeningen, thesaurie en juridische en fi scale aangelegenheden.
De activiteiten van de Groep D'Ieteren zijn opgedeeld in drie polen.
De Pool Autodistributie – D'Ieteren Auto, een operationele afdeling van de s.a. D'Ieteren n.v. zonder afzonderlijke rechtspersoonlijkheid – wordt geleid door de CEO van D'Ieteren Auto, die rapporteert aan de gedelegeerd bestuurder van de Groep. De CEO van D'Ieteren Auto zit het managementcomité van D'Ieteren Auto voor, dat is samengesteld uit zeven andere leden die verantwoordelijk zijn voor de afdelingen D'Ieteren Car Centers, Financiën, Group Service, IT, Marketing, Merken en Human Resources.
De Pool Voertuigbeglazing omvat Belron, waarvan D'Ieteren op 31 december 2010 92,73% van het kapitaal in handen had, en zijn fi lialen 1. Per 31 december 2010 wordt Belron geleid door een raad van bestuur van 11 leden, waaronder 6 bestuurders benoemd op voorstel van D'Ieteren, 1 bestuurder benoemd op voorstel van de stichtende aandeelhouders, 2 uitvoerende bestuurders en 2 nietuitvoerende bestuurders. De gedelegeerd bestuurder van D'Ieteren is lid van deze raad die hij ook voorzit. De raad van bestuur van Belron heeft 2 comités: het Auditcomité en het Remuneratiecomité, elk voorgezeten door een bestuurder benoemd op voorstel van D'Ieteren.
De Pool Autoverhuur omvat Avis Europe en zijn fi lialen. Op 31 december 2010 wordt Avis Europe bestuurd door een Raad van bestuur bestaande uit 9 leden: 3 bestuurders benoemd op voorstel van D'Ieteren, 3 onafhankelijke bestuurders en 2 voltijdse uitvoerende bestuurders. De huidige niet-uitvoerende voorzitter van de Raad is een voormalig directielid van de vennootschap. De gedelegeerd bestuurder van D'Ieteren is ondervoorzitter van de Raad. De Raad van bestuur van Avis Europe beschikt over 3 comités: het Auditcomité, bestaande uit drie onafhankelijke bestuurders, het Benoemingscomité en het Remuneratiecomité, waarin telkens een op voorstel van D'Ieteren benoemde bestuurder zetelt. Avis Europe is op de Beurs van London genoteerd en leeft de principes van de Britse Corporate Governance Code na, op een paar uitzonderingen na die vermeld worden in zijn jaarverslag. Voorts worden de rechten en plichten van de op voorstel van D'Ieteren benoemde bestuurders en van de aandeelhouder s.a. D'Ieteren n.v. uiteengezet in het "Relationship Agreement" gesloten ter gelegenheid van de beursintroductie van Avis Europe in 1997.
De externe audit wordt tot de Algemene Vergadering van mei 2011 uitgevoerd door SC BDO DFSA, Réviseurs d'entreprises - Bedrijfsrevisoren, vertegenwoordigd door Gérard Delvaux en Jean-Louis Servais.
De vergoedingen die in 2010 door de Commissaris en zijn aanverwante vennootschappen werden aangerekend voor diensten verleend aan de vennootschappen van de Groep D'Ieteren, bedroegen (excl. btw) 246.750 EUR voor de wettelijk verplichte controle op de statutaire en geconsolideerde jaarrekeningen en 35.416 EUR voor niet-auditopdrachten, waarvan 21.203 EUR voor andere specifi eke opdrachten en 14.213 EUR voor fi scaal advies.
Het remuneratiebeleid van de niet-uitvoerende bestuurders en van het executieve management wordt bepaald door de Raad van bestuur, op basis van aanbevelingen geformuleerd door het Remuneratiecomité. De aanbevelingen van het Comité aan de Raad zijn gebaseerd op voorstellen van de CEO als ze betrekking hebben op de bezoldiging van de directieleden die aan hem rapporteren. De dochterondernemingen Avis Europe en Belron, die minderheidsaandeelhouders hebben, beschikken elk over een eigen Raad van bestuur en Remuneratiecomité die het remuneratiebeleid van hun respectieve niet-uitvoerende bestuurders en executieve managementleden bepalen.
Op het einde van elk boekjaar onderzoekt het Remuneratiecomité van D'Ieteren:
de eventuele voorstellen om de
bezoldiging van de niet-uitvoerende bestuurders voor het volgende boekjaar te wijzigen;
de voorstellen betreffende de variabele bezoldiging van de executieve managementleden voor het voorbije boekjaar, alsook de eventuele wijzigingen aan hun vaste bezoldiging en de bepaling van de doelstellingen voor hun variabele bezoldiging in het volgende boekjaar. Dit wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de Raad.
De vennootschap voert een passend bezoldigingsbeleid om bestuurders aan te trekken en te behouden die kunnen bogen op brede competenties in de verschillende domeinen die vereist zijn voor de rendabele ontwikkeling van haar activiteiten. De bestuurders ontvangen allemaal dezelfde vaste jaarlijkse bezoldiging, ongeacht hun aanwezigheid op de verschillende Raden. Sommige bestuurders ontvangen bovendien een aanvullende vaste bezoldiging voor de levering van specifi eke prestaties als Voorzitter of Ondervoorzitter van de Raad, of voor de deelname aan één of meer Comités van de Raad. Bovendien vergoeden Avis Europe en Belron bepaalde bestuurders voor de uitoefening van mandaten binnen hun Raad. De nietuitvoerende bestuurders ontvangen geen enkele bezoldiging die gekoppeld is aan de resultaten, noch voordelen in natura of voordelen gekoppeld aan de pensioenplannen. De gedelegeerd bestuurder wordt niet bezoldigd voor zijn deelname aan de Raad van bestuur.
De vennootschap maakt de bezoldigingen toegekend aan de niet-uitvoerende leden van de Raad van bestuur globaal bekend. De Raad is immers van mening dat de aandeelhouders en beleggers op een adequate wijze geinformeerd worden indien de totale kost wordt bekendgemaakt voor het collegiale bestuursorgaan (buiten de gedelegeerd bestuurder) dat de Raad uitmaakt, zonder dat zij de individuele situatie van elke bestuurder hoeven te kennen. Overeenkomstig de wet van 6 april 2010 zal de vennootschap deze individuele bedragen per bestuurder meedelen vanaf het boekjaar 2011.
Voor het boekjaar eindigend op 31 december 2010 werd door de vennootschap en door de dochterondernemingen van de Groep aan de niet-uitvoerende bestuurders een bedrag van 1.578.888 EUR gestort. Er werden geen andere bezoldigingen of voordelen betaald en er werden geen leningen of borgstellingen verleend door D'Ieteren aan de leden van de Raad.
De Groep is voorstander van een passend bezoldigingsbeleid om in de verschillende activiteiten managers met het gepaste profi el aan te trekken en te behouden, en om hen te motiveren aan de hand van adequate incentive-formules. Dit beleid is gebaseerd op externe billijkheidscriteria (toetsing aan vergelijkbare functies buiten de onderneming) en interne billijkheidscriteria (tussen collega's binnen de onderneming).
De remuneratie van het executieve management omvat:
een vaste remuneratie die bestaat uit een basisbezoldiging, werkgeversbijdragen aan pensioenplannen en andere voordelen;
een variabele remuneratie die bestaat uit jaarlijkse premies en aandelenopties afhankelijk van de individuele prestaties van de betrokken uitvoerende managers met betrekking tot hun kwantitatieve en kwalitatieve doelstellingen.
De pensioenplannen zijn van het type "vaste bijdragen".
In het begin van het boekjaar wordt een jaarlijkse bonusdoelstelling bepaald. Afhankelijk van de individue-
| 2010 (EUR) | CEO | Andere uitvoerende managers |
|---|---|---|
| Jaarlijkse remuneratie | ||
| Vaste remuneratie | ||
| > Basisremuneratie* | 973.345 | 552.776 |
| > Mandaten in vennootschappen van de Groep | 128.262 | 97.888 |
| > Andere voordelen | 22.440 | 19.622 |
| Totaal jaarlijkse vaste remuneratie | 1.124.047 | 670.286 |
| Variabele remuneratie | ||
| > Jaarlijkse premie* | 613.274 | 364.500 |
| Totaal jaarlijkse variabele remuneratie | 613.274 | 364.500 |
| Totaal jaarlijkse remuneratie | 1.737.321 | 1.034.786 |
| Remuneratie op lange termijn | ||
| > Groepsverzekeringen* | 88.652 | 121.419 |
| > Opties op D'Ieteren aandelen | 55.440 | 69.300 |
| > Andere incentives op lange termijn | 85.386 | 106.733 |
| Totaal remuneratie op lange termijn | 229.478 | 297.452 |
| Totaal KT+LT remuneratie | 1.966.799 | 1.332.238 |
* Bruto bedragen, exclusief werkgeversbijdragen voor sociale zekerheid.
le prestaties kan de in het begin van het volgende boekjaar betaalde bonus schommelen binnen een vork van 50% tot 150% van deze doelstelling.
Het incentive-programma op lange termijn bestaat uit de toekenning van een bepaald aantal opties op D'Ieteren aandelen (zie hierna) en, in voorkomend geval, op een korf aandelen van derden. Deze opties worden respectievelijk gewaardeerd aan 10% en 20% van de uitoefenprijs, rekening houdend met een wachtperiode van respectievelijk 3 en 1 jaar.
De tabel p. 130 bevat de verschillende remuneratiecategorieën van de gedelegeerd bestuurder en van de andere leden van het executieve management van de Groep die in 2010 werden gestort.
Het variabele gedeelte van de voor het boekjaar 2010 gestorte remuneratie vertegenwoordigde respectievelijk 35,3% voor de gedelegeerd bestuurder en 35,2% voor de andere leden van het executieve management.
De eigenschappen van de optieplannen op D'Ieteren aandelen georganiseerd voor de kaderleden van de vennootschap werden goedgekeurd door de Gewone Algemene Vergadering van 26 mei 2005, die de Raad van bestuur de toelating gaf om jaarlijkse aandelenoptieplannen te organiseren voor de kaderleden van de onderneming die minstens drie jaar anciënniteit hebben. De opties zijn uitoefenbaar tussen 1 januari van het derde jaar volgend op de lanceerdatum van het aanbod en het verstrijken van het tiende jaar volgend op de lanceerdatum van het aanbod, met uitzondering van de periodes van 1,5 maand voorafgaand aan de data van de jaarlijkse en halfjaarlijkse fi nanciële mededelingen. De opties verlenen het recht om bestaande aandelen van de onderneming te kopen tegen een prijs die overeenstemt met hetzij de gemiddelde koers van de 30 werkdagen voorafgaand aan de datum van het aanbod, hetzij de slotkoers van de werkdag die hieraan voorafgaat. De verworven aandelen mogen onmiddellijk worden verkocht. Het aantal aangeboden opties per categorie van kaderleden en de uitoefenprijs worden bepaald op advies van het Benoemings- en remuneratiecomité. Meer details over de aandelenoptieplannen worden verstrekt in toelichting 37 bij de geconsolideerde jaarrekening.
In 2010 werden 3.125 opties op D'Ieteren aandelen toegekend aan de uitvoerende managers (1.400 opties aan de gedelegeerd bestuurder en in totaal 1.725 opties aan de drie andere uitvoerende managers) tegen een uitoefenprijs van 396 EUR per aandeel. De waarde van deze opties is inbegrepen in de remuneratiebedragen vermeld onder "Bezoldiging van het executieve management". In 2010 verviel geen enkele optie.
In de arbeidsovereenkomsten van de gedelegeerd bestuurder en van de andere leden van het executieve management is geen vertrekvergoeding voorzien in geval van ontbinding van de overeenkomst. Mocht de overeenkomst ontbonden worden, dan zullen de partijen te goeder trouw onderhandelen om de algemene voorwaarden te bepalen die van toepassing zijn op deze ontbinding.
De vennootschap wijkt af van de Code op de volgende principes:
De groep van bestuurders benoemd op voorstel van de familiale aandeelhouders kan de beslissingen domineren. In vennootschappen waar het familiale aandeelhouderschap een meerderheid vertegenwoordigt in het maatschappelijke kapitaal, hebben de familiale aandeelhouders, in tegenstelling tot de anderen, niet de keuze hun aandelen te verkopen indien zij niet akkoord gaan met de beslissingen van de Raad van bestuur. Hun paritaire of meerderheidsvertegenwoordiging in de Raad biedt hun de mogelijkheid de beslissingen te beïnvloeden en op deze manier de stabiliteit van het aandeelhouderschap te verzekeren, wat voor de rendabele en duurzame groei van de vennootschap effi ciënt is gebleken. De potentiële risico's voor het besturen van de onderneming die voortvloeien uit het bestaan van een sterke controle door het referentieaandeelhouderschap op het functioneren van de Raad, kunnen bovendien getemperd worden, enerzijds, door een verstandig gebruik van deze macht door de betrokken bestuurders in het respect van de rechtmatige belangen van de vennootschap en van haar minderheidsaandeelhouders en, anderzijds, door de duurzame aanwezigheid van meerdere niet-uitvoerende bestuurders die het familiale aandeelhouderschap niet vertegenwoordigen, wat een reële dialoog binnen de Raad mogelijk maakt.
De samenstelling van het Auditcomité en van het Benoemingscomité, die elk minstens één onafhankelijke bestuurder bevatten, wijkt af van de Belgische Corporate Governance Code, die een meerderheid onafhankelijke bestuurders aanbeveelt. De Raad is inderdaad de mening toegedaan dat een grondige kennis van de onderneming ten minste even belangrijk is als hun onafhankelijkheid.
De vennootschap maakt de bezoldigingen toegekend aan de leden van de Raad van bestuur globaal bekend. De Raad is de mening toegedaan dat de aandeelhouders op een adequate manier zijn geïnformeerd indien de globale kost wordt bekendgemaakt voor het collegiale bestuursorgaan dat de Raad van bestuur uitmaakt, zonder dat zij de individuele situatie van elke bestuurder hoeven te kennen.
De bepaling die voorziet dat "elke aandeelhouder die ten minste 5% van de aandelen bezit die het kapitaal vertegenwoordigen voorstellen kan indienen bij de Algemene Vergadering" is niet van toepassing. Buiten de familiale groepen is er inderdaad geen enkele aandeelhouder die op dit ogenblik meer dan 5% van het kapitaal in handen heeft.
Deze derogaties worden ook opgenomen onder Hoofdstuk 5 van het op de website van de vennootschap gepubliceerde Corporate Governance Charter.
De Raad van bestuur kwijt zich van zijn controletaak op de entiteiten van de Groep door zich ervan te vergewissen (i) dat de organen van deze entiteiten hun eigen controletaak uitvoeren en dat er correct werkende Comités opgericht zijn die de taak hebben bijzonder toezicht en bijzondere controles uit te oefenen (zoals een Auditcomité en een Remuneratiecomité) en (ii) dat de rapporteringprocedures ten uitvoer worden gelegd om de Raad in staat te stellen de activiteiten van de entiteiten met regelmatige tussenpozen op te volgen, meer bepaald wat de risico's betreft waarmee ze geconfronteerd worden, en de beslissingen te valideren die worden genomen door de verschillende afdelingen.
De Raad van bestuur wordt bijgestaan door het Auditcomité bij de uitoefening van zijn controle op de activiteiten van de vennootschap, meer bepaald met betrekking tot de fi nanciële informatie die wordt verstrekt aan de aandeelhouders en aan derden, en tot het toezicht op de mechanismen voor risicobeheer en interne controle die de vennootschap invoert. Met het oog hierop onderhoudt de Raad van bestuur nauwe banden met de interne en externe auditors van de vennootschap en vergewist de Raad zich ervan dat hun taken gecoördineerd worden.
In deze context werd de effectiviteit van het controlesysteem van de Groep herzien, met inbegrip van de operationele en compliance-controles, het risicobeheer en de organisatie van de interne controle van de Groep. Dit systeem heeft tot doel de risico's op de niet-realisatie van de economische doelstellingen eerder te beheren dan te elimineren, en biedt enkel een redelijke en dus geen absolute zekerheid tegen verliezen of afwijkingen van materieel belang.
Deze beoordelingen omvatten een evaluatie van de fi nanciële en operationele interne controles door de interne audit van elke activiteit, alsook van de rapporten van de externe auditor over zaken geïdentifi ceerd tijdens zijn statutaire auditwerkzaamheden.
3.1.1. Het interne controlesysteem omvat de volgende taken (niet-exhaustieve lijst):
een duidelijke bepaling van de organisatiestructuur en een passende delegering van bevoegdheden binnen de directie;
de instandhouding van een aangepaste functiescheiding samen met andere procedurele controles;
de strategische planning en het aanverwante proces voor de jaarlijkse budgettering en de regelmatige controles;
de maandelijkse rapportering en controle van de fi nanciële resultaten en van de prestatie-indicatoren;
de invoering van een boekhoudbeleid om de consistentie, de integriteit en de nauwkeurigheid van de fi nanciële gegevens van de Groep te verzekeren;
een specifi ek thesauriebeleid, een regelmatige rapportering en de opvolging van alle belangrijke transacties en fi nancieringsactiviteiten;
de procedures voor de goedkeuring van investeringen;
interne audits;
een specifi ek commercieel beleid en commerciële normen, met inbegrip van een gedragscode binnen elke entiteit.
3.1.2. De effectiviteit van het interne controlesysteem werd beoordeeld op basis van de volgende methoden:
nazicht van de interne en externe auditplannen;
nazicht van belangrijke eventueel vastgestelde controleaangelegenheden die onbevredigend zijn;
nazicht van alle controleproblemen die blijken uit interne en externe audits, alsook van bijkomende punten die onder de aandacht worden gebracht;
controle van alle belangrijke risico's die geïdentifi ceerd worden in het kader van het risicobeheer van de Groep;
besprekingen met het management over nieuwe risicodomeinen die worden geïdentifi ceerd door het management en over controles uitgevoerd tijdens interne en externe audits.
Het Auditcomité van de Groep ontvangt regelmatig een rapport over de werkzaamheden van de Auditcomités van elke entiteit en brengt hierover op zijn beurt verslag uit aan de Raad van bestuur.
3.2.1. De Groep zorgt ervoor dat businessrisico's, ongeacht of ze van strategische, operationele, wettelijke, reputatiegebonden, fi nanciële of ecologische aard zijn, in de mate van het mogelijke geïdentifi ceerd en begrepen worden. De Groep volgt een beleid dat erin bestaat te garanderen dat risico's eerder met kennis van zaken dan ongewild worden genomen.
3.2.2. Elke activiteit voert een jaarlijkse risicocontrole uit en updatet haar risicoregister met voor elk risico een vermelding van de impact, de waarschijnlijkheid van het risico en de ondernomen acties om het risico te beperken. Deze benadering vormt de hoeksteen van de risicobeheeractiviteiten van de Groep. Deze activiteiten hebben tot doel te verzekeren dat de grootste risico's waaraan de Groep is blootgesteld, geïdentifi ceerd en ingeschat zijn, en dat er controles ingevoerd of gepland zijn om deze risico's te beheren.
Hierna vindt u een overzicht van de belangrijkste risico's waarmee de Groep geconfronteerd wordt.
3.3.1. Elke activiteit heeft haar eigen interne audit- en risicobeheerfunctie. Die opereert onafhankelijk van haar externe auditors en kan samenwerken met een externe dienstverlener wanneer gespecialiseerde vaardigheden vereist zijn. Bij de beoordeling wordt gegarandeerd dat deze functie adequaat is ingevuld, dat de doelstellingen afgestemd zijn op de belangrijkste risico's waaraan de activiteit is blootgesteld en dat het jaarlijkse interne auditplan goedgekeurd is.
3.3.2. Het Auditcomité van elke activiteit bekrachtigt de aanstelling of het ontslag van zijn interne auditmanager, evalueert zijn onafhankelijkheid en objectiviteit, en werkt mee aan het garanderen van vrije toegang tot het management en het Auditcomité.
3.3.3. De interne audit van elke activiteit heeft de volgende taken:
het ontwerp en de operationele effectiviteit beoordelen van controles met betrekking tot belangrijke operationele processen en businessrisico's;
een evaluatie bezorgen, onafhankelijk van het management, met betrekking tot de geschiktheid van de interne operationele en fi nanciële controles, systemen en praktijken van de activiteit;
advies verlenen aan het management om de controleomgeving en de bedrijfsprestaties te verbeteren.
De activiteit van de autodistributie kan getroffen worden door verschillende factoren die verband houden met de auto-industrie en het volume verkochte voertuigen op de Belgische markt. De vraag en de globale mix kunnen beïnvloed worden door factoren zoals de economische conjunctuur, de beschikbaarheid van krediet voor de potentiële kopers of het toegepaste fi scale stelsel op bedrijfswagens en CO2 -emissies. De specifi eke vraag naar de verdeelde merken hangt af van het succes van de door de leveranciers (VW, Porsche, Yamaha) ontwikkelde modellen en hun prijs op de Belgische markt.
Naast de algemene economische omstandigheden die een invloed hebben op de vraag vanwege ondernemingen of particulieren, kunnen verstoringen van het luchtverkeer of de algemene afname van vliegtuigreizen als gevolg van een belangrijke gebeurtenis zoals een terroristische daad of een versterking van de veiligheidsmaatregelen door de overheden om een dergelijke dreiging te verhinderen, de vraag naar verhuurwagens beïnvloeden.
Op het vlak van de herstelling en de vervanging van voertuigbeglazing zijn zachtere weersomstandigheden, een afname van het aantal afgelegde kilometers (bijvoorbeeld als gevolg van een stijging van de brandstofprijs) of een verlaging van de gemiddelde snelheid op de wegen als gevolg van de wetgeving betreffende de snelheidsbeperking, allemaal factoren die ongunstig zijn omdat ze de neiging hebben de frequentie van glasbreuk te verminderen. Veranderingen op het vlak van het beleid voor de dekking van glasbreuk door de verzekeringsondernemingen, zoals bijvoorbeeld de verhoging van de franchises, kan leiden tot een afname van de vraag of kan de druk op de prijzen verhogen.
De vastgestelde verstoringen op de markt van de recente tweedehandsvoertuigen die voortvloeien uit de economische conjunctuur of uit een grote prijsconcurrentie op de markt van de nieuwe voertuigen, kunnen een invloed hebben op de restwaarden van de vloot zonder terugkoopovereenkomsten bij Avis Europe of van de voertuigen die door D'Ieteren Auto worden teruggekocht van ondernemingen gespecialiseerd in kortetermijnverhuur.
Elke entiteit garandeert de opvolging van deze veranderingen en integreert ze in een planningproces dat de strategische planning, de fi nanciële langetermijnplanning, de budgetten en de maandelijkse rapportering omvat. Dit proces biedt de mogelijkheid om goed te anticiperen op deze tendensen of om snel te reageren op plotse gebeurtenissen. Daarnaast reikt dit proces de directie een basis aan om de juiste beslissingen te nemen over het voorgestelde product- of dienstengamma, de prijzen en de omvang van de organisatie.
Daar waar de activiteiten van nature blootgesteld zijn aan plotse schommelingen van de vraag, werden de structuren aangepast om een maximale fl exibiliteit te bieden.
D'Ieteren Auto importeert en verdeelt nieuwe wagens en wisselstukken van de merken van de groep Volkswagen. De relatie met Volkswagen werd in de loop van de voorbije 60 jaar opgebouwd en is gebaseerd op distributieovereenkomsten van onbepaalde duur die werden gesloten met elk van de merken. Elke afwijking van de contractuele voorwaarden of van de relaties met de groep Volkswagen of elke signifi cante wijziging van het beleid van de groep Volkswagen ten aanzien van de onafhankelijke importeurs, zou een ongunstig effect kunnen hebben op de fi nanciële situatie en de resultaten van de activiteit.
De beste verdediging tegen dit type van risico schuilt in de capaciteit van de vennootschap om aan de groep Volkswagen zijn toegevoegde waarde te bewijzen op het vlak van het beheer van het Belgische netwerk van distributeurs. De vennootschap leeft het commerciële, marketing- en servicebeleid van de groep Volkswagen strikt na.
Avis Europe koopt de voertuigen van zijn vloot aan alle belangrijke constructeurs. De failliet van een leverancier kan resulteren in de nietbeschikbaarheid van voertuigen, de blootstelling aan een terugkooprisico en een daling van de restwaarden. Dit risico wordt beperkt aan de hand van een diversifi catie van de leveranciers, toezicht op hun solvabiliteit, een regelmatige controle van de boekwaarden en de restwaarden, en in voorkomend geval compensatieovereenkomsten.
De activiteiten met betrekking tot de herstelling en de vervanging van voertuigbeglazing hangen in sterke mate af van de bevoorrading met glas, polyurethaan en reparatiehars. Het verlies van een cruciale leverancier van één van deze materialen zou de werking van de activiteit aanzienlijk verstoren. Daarom hebben de aankoopteams een globale strategie uitgewerkt die tot doel heeft de leveranciers te diversifi ëren en de volumes actief toe te wijzen om een houdbare concurrentie in stand te houden tussen de verschillende leveranciers.
Binnen de drie entiteiten van de Groep is een aanzienlijk deel van de activiteit afkomstig van klanten zoals ondernemingen, leasingmaatschappijen of verzekeringsmaatschappijen. Het verlies van één of meer van deze klanten kan een ongunstig effect hebben op de fi nanciële situatie en de resultaten van de Groep.
Elke entiteit neemt tal van maatregelen om een uitstekende relatie te onderhouden met belangrijke klanten. Elk van deze klanten heeft een specifi eke beheerder die een plan opstelt met duidelijke doelstellingen met betrekking tot de manier waarop de relatie moet worden ontwikkeld. De entiteiten waken er eveneens over dat hun klantenportefeuille voldoende evenwichtig blijft.
Binnen de activiteit van de autoverhuur heeft Avis Budget Group, Inc. (ABG) aan Avis Europe tot in 2036 een licentie verleend om de merken Avis en Budget te exploiteren in specifi eke regio's. Er is geen sprake van onderlinge participatie tussen Avis Europe en ABG, maar de twee ondernemingen zijn wel met elkaar verbonden via een nauwe contractuele en commerciële relatie. De twee ondernemingen werken samen om een transparante dienstverlening aan te bieden aan de klanten van de netwerken van Avis en Budget. Avis Europe kan rekenen op ABG om zijn activiteiten zo uit te voeren dat de waarde van de merken versterkt wordt, terwijl de groep tegelijkertijd een dienstverlening van de-
zelfde kwaliteit kan aanbieden in alle regio's waar hij actief is. Avis Europe voert gezamenlijke marketingacties met ABG en wisselt in voorkomend geval informatie uit over de markten en de klanten. Avis Europe biedt ook gezamenlijke diensten aan en verwijst klanten door op basis van formele akkoorden. De instandhouding van een goede relatie met ABG is dan ook belangrijk voor Avis Europe.
Avis Europe gebruikt het reservatieen verhuursysteem Wizard onder licentie van ABG, overeenkomstig een IT-dienstenovereenkomst op lange termijn die onderworpen is aan een opzegtermijn van vijf jaar. Wizard is operationeel sinds 1972 en werd sinds zijn lancering regelmatig verbeterd en uitgebreid. Dit is een volledig geïntegreerd reservatie-, verhuur- en beheersysteem dat Avis Europe en ABG wereldwijd gebruiken. Aangezien Avis Europe ertoe gehouden is deel te nemen in de kosten voor de verbetering van Wizard, kunnen onvoorziene uitgaven een invloed hebben op zijn resultaten. Mocht Wizard vervangen moeten worden, dan zouden operationele problemen een aanzienlijk risico kunnen inhouden voor de activiteiten van Avis Europe. Elke ongunstige wijziging van de overeenkomsten of elke verslechtering van de situatie van ABG, van zijn activiteit of van de relatie met ABG zou een negatieve invloed kunnen hebben op de fi nanciële gezondheid en de resultaten van de groep.
De door D'Ieteren Auto verdeelde voertuigen of wisselstukken kunnen lijden aan een ernstige tekortkoming. In dit geval staat de groep Volkswagen in voor de technische interventie en de public relations.
Aangezien de voorruit een essentieel element is voor de veiligheid van een voertuig, vooral wat de activering van de airbag en de weerstand van het dak betreft, kan op het vlak van de herstelling en vervanging van voertuigbeglazing elke slecht gemonteerde voorruit afbreuk doen aan de veiligheid van het voertuig en resulteren in juridische of fi nanciële problemen of de reputatie van de onderneming beschadigen.
Om dit risico te beperken, defi nieert Belron duidelijke montagenormen die binnen de hele onderneming worden toegepast en waarvan de naleving regelmatig gecontroleerd wordt door technische teams in elke eenheid van de onderneming. Bovendien wordt het belang van de strikte montagenormen nog versterkt door evenementen zoals de "Best of Belron", een internationale wedstrijd waarbij de beste technicus van de groep wordt verkozen op basis van de naleving van de normen en de uitvoeringskwaliteit.
De voortzetting van de activiteiten kan in het gedrang komen door het verlies van personeel in sleutelfuncties, om fysieke redenen of als gevolg van hun beslissing om de onderneming te verlaten.
De vennootschap bindt haar personeel door naast een aantrekkelijk loon dat regelmatig wordt vergeleken met de marktpraktijken ook goede carrièreperspectieven en een regelmatige prestatiebeoordeling aan te bieden, en door tevredenheidenquêtes te voeren onder de werknemers. Het plan voor de opvolging van sleutelpersoneel wordt regelmatig herzien door de directie van elke entiteit.
De activiteiten van de Groep hangen in sterke mate af van cruciale hulpmiddelen zoals de informaticasystemen, de call centers en de distributiecentra. Een grote ramp die een impact heeft op deze hulpmiddelen kan een entiteit verhinderen om essentiële producten te leveren of essentiële diensten te verlenen, zowel op lokaal als op globaal vlak. Als er geen passende maatregelen worden genomen om deze risico's te voorkomen, is het mogelijk dat de kosten die voortvloeien uit een ramp niet gedekt zijn.
De directie onderzoekt regelmatig de potentiële oorzaken van verlies en neemt beschermingsmaatregelen. Bovendien worden plannen uitgewerkt om de continuïteit van de activiteit te verzekeren mocht er zich een ramp voordoen. Wat meer bepaald de informaticasystemen betreft, zorgen kopieën van de essentiële gegevens en systemen ervoor dat de impact van een eventueel groot defect beperkt wordt. De overblijvende risico's kunnen gedekt worden door passende verzekeringspolissen.
Bepaalde activiteiten van de Groep D'Ieteren zijn kapitaalintensief en zijn afhankelijk van verschillende fi nancieringsbronnen. Een niet te verwaarlozen verhouding van de activiteiten van de Groep D'Ieteren wordt gefi nancierd met leningen, waaronder fi nanciële en operationele leasings, en hangt af van de toegang tot de kredietmarkten en tot andere fi nancieringsvormen om de vloot van de Groep te fi nancieren, zoals effectisering. De niet-beschikbaarheid van fondsen of de niet-naleving van bepaalde fi nanciële ratio's kunnen ertoe leiden dat de Groep niet meer kan functioneren, volledig of gedeeltelijk, of kunnen resulteren in een aanzienlijke stijging van de fi nancieringskosten.
Elke entiteit zorgt voor een op lange termijn gewaarborgde fi nancieringsbasis met een goede spreiding van de vervaldagen.
Deze basisfi nanciering wordt aangevuld met kortetermijnkredietlijnen en niet-geconfi rmeerde kredietlijnen bestemd om de seizoensgebonden behoeften te dekken. De – zowel publieke als private – leningen worden aangegaan bij een brede waaier van kredietverschaffers. Elke entiteit onderhoudt een regelmatige dialoog met haar kredietverleners om hen te informeren over de resultaten en de vooruitzichten.
De internationale aanwezigheid stelt de Groep bloot aan wisselkoers- en renterisico's. Het merendeel van de transacties van de activiteiten van de Groep wordt verricht in euro, pond sterling of Amerikaanse dollar. In elk land waar de Groep een dochteronderneming heeft, worden de gegenereerde inkomsten en de gemaakte kosten in de meeste gevallen uitgedrukt in de lokale munteenheid. Dit is een natuurlijke indekking tegen de wisselkoersrisico's. Wat het omrekeningsrisico op het vlak van de autoverhuur betreft, bestaat het beleid erin de gemiddelde activa, in de mate van het mogelijke, af te stemmen op de equivalente gemiddelde passiva in de belangrijkste deviezen, waardoor de impact op de Groep verkleind wordt. Indien een dergelijke indekking niet
DIETEREN JAARVERSLAG 2010
mogelijk is, worden leningen in vreemde valuta en wisseltermijncontracten gebruikt. Wat de herstelling en vervanging van voertuigbeglazing betreft, bestaat het beleid erin de waarde van de investeringen uitgedrukt in vreemde valuta zo veel mogelijk in te dekken met een equivalent schuldbedrag uitgedrukt in dezelfde valuta, om hun waarde in euro te beschermen.
Het renterisico vloeit voort uit de leningen die, na indekking van het wisselkoersrisico, voornamelijk uitgedrukt zijn in euro en pond sterling. De leningen met variabele rentevoet stellen de Groep bloot aan een renterisico op de thesauriestromen, terwijl de leningen met vaste rentevoet de Groep blootstellen aan een renterisico op de reële waarde. Om deze risico's te beheren, wordt de Groep D'Ieteren gefi nancierd door een combinatie van kredieten met vaste en variabele rentevoeten en koopt de Groep allerlei soorten derivaten. Naarmate de bestaande schulden hun vervaldatum naderen, stelt de Groep zich bloot aan een risico op hogere marges op zijn leningen.
In de regio's waar de activiteiten van de Groep signifi cante marktaandelen bereiken en/of onderworpen zijn aan verticale akkoorden die deel uitmaken van een groepsvrijstellingsverordening, houdt het belangrijkste juridische risico verband met het mededingingsrecht. Elke inbreuk op het mededingingsrecht kan resulteren in zware boetes. Bovendien werd de wetgeving betreffende de gegevensbescherming recentelijk verscherpt, met ook hiervoor aanzienlijke boetes.
Om deze risico's te beperken, werden duidelijke beleidslijnen en een juridische follow-up ingevoerd en algemeen verspreid. De toepassing ervan wordt regelmatig onderworpen aan een audit.
De reputatie of de activa van de Groep kunnen getroffen worden als werknemers, klanten, leveranciers of agenten in hun eigenbelang frauduleuze of onethische daden stellen die nadelig zijn voor de Groep, of als de Groep beschouwd wordt hoofdelijk aansprakelijk te zijn voor dergelijke daden gesteld door derden.
De Groep heeft een reeks maatregelen ingevoerd die tot doel hebben deze risico's zo veel mogelijk te voorkomen, zoals beleidslijnen en procedures, ethische regels en een gedragscode die van toepassing is op alle personeelsleden, een gepaste opleiding voor het personeel, een delegering van bevoegdheden met scheiding van functies, een passende rapportering aan het management, een interne auditafdeling, fi nanciële controles en boekhoudkundige afstemmingen.
| 31 december 2010 | Aantal | Overeenkomend stemrecht |
|---|---|---|
| Gewone aandelen1, 2 | 55.302.620 | 55.302.620 |
| Winstaandelen1, 2 | 5.000.000 | 5.000.000 |
| Totaal | 60.302.620 |
Na splitsing van het aandeel.
Elk aandeel en winstaandeel komt overeen met één stemrecht.
De Algemene Vergadering van aandeelhouders van 20 december 2010 heeft ingestemd met de splitsing van de maatschappelijke aandelen (gewone aandelen, VVPR-strips en winstaandelen) door omruiling ten belope van tien nieuwe aandelen voor één bestaand aandeel, alsook met de dematerialisering van de maatschappelijke aandelen aan toonder, die vóór de uitoefening van enig recht dat ermee verband houdt, omgezet moeten worden in gedematerialiseerde aandelen of aandelen op naam. Deze beslissingen werden van kracht op 27 december 2010.
| 31 december 2010 (volgens het aantal stemrechten) | ||
|---|---|---|
| Nayarit Group | 30,13% | |
| SPDG Group | 25,10% | |
| Cobepa s.a. | 3,53% | |
| Eigen aandelen | 1,29% | |
| Publiek | 39,95% | |
Ten gevolge van de overdracht op 23 september 2010 door Cobepa van een deel van zijn belang in het kapitaal van de vennootschap, heeft de vennootschap op 29 september 2010 een kennisgeving van belangrijke participatie ontvangen.
In overeenstemming met artikel 14, alinea 4 van de wet van 2 mei 2007 betreffende de bekendmaking van de belangrijke deelnemingen, wordt de structuur van het aandeelhouderschap, zoals die voortvloeit uit de door de vennootschap ontvangen kennisgevingen, in toelichting 29 van het fi nanciële verslag vermeld.
De vennootschap heeft geen verdere kennisgeving ontvangen die de in deze toelichting opgenomen informatie wijzigt.
Krachtens artikel 74, § 7 van de wet van 1 april 2007 op de openbare overnamebiedingen heeft de s.a. D'Ieteren n.v. op 20 februari 2008 een kennis geving ontvangen van de groep Nayarit (waarvan de samenstelling in toelichting 29 van het fi nanciële jaarverslag gevonden kan worden). Die bevat alle vereiste wettelijke vermeldingen en wijst op het feit dat de groep Nayarit, individueel of samen met andere personen met wie hij samenwerkt, op 30 september 2007 meer dan 30% van de door de vennootschap uitgegeven aandelen met stemrecht bezat.
De Buitengewone Algemene Vergadering van 28 mei 2009 heeft de machtiging aan de Raad van bestuur hernieuwd om het maatschappelijk kapitaal in één of meerdere malen te verhogen met een maximumbedrag van 60 miljoen EUR. Tot de kapitaalverhogingen waartoe beslist zal worden in het kader van het toegestane kapitaal kan worden overgegaan zowel door inbrengen in speciën of in natura binnen de grenzen toegestaan door het Wetboek van Vennootschappen, als door inlijving van beschikbare of onbeschikbare reserves of van uitgiftepremies, met of zonder uitgifte van bevoorrechte of niet-bevoorrechte nieuwe maatschappelijke aandelen, met of zonder stemrecht, met of zonder inschrijvingsrecht. De Raad van bestuur mag, in het belang van de vennootschap en onder de wettelijk voorgeschreven voorwaarden, het voorkeurrecht beperken of opheffen voor de door hem besliste kapitaalverhogingen, ook ten gunste van één of meer bepaalde personen.
De Raad van bestuur is ook bevoegd te beslissen, binnen het kader van het toegestane kapitaal, tot de uitgifte van obligaties die converteerbaar zijn in maatschappelijke aandelen, van intekenrechten of roerende waarden die op termijn recht kunnen geven op maatschappelijke aandelen van de vennootschap, onder de voorwaarden voorzien in het Wetboek van Vennootschappen, ten belope van een maximumbedrag, zodanig dat het bedrag van de kapitaalverhogingen die kunnen voortvloeien uit de uitoefening van de hierboven bedoelde rechten en roerende waarden de grens van het overblijvende deel van het toegestane kapitaal niet overschrijdt, met in voorkomend geval opheffi ng van het voorkeurrecht van de obligatiehouders.
Onverminderd de bevoegdheid verleend aan de Raad van bestuur overeenkomstig de alinea die voorafgaat, heeft de Buitengewone Algemene Vergadering van 29 mei 2008 de Raad van bestuur uitdrukkelijk de bevoegdheid verleend om, voor een hernieuwbare termijn van drie jaar, over te gaan – in geval van een openbaar overnamebod op de door de vennootschap uitgegeven effecten en voor zover de mededeling ter zake door de CBFA binnen een termijn van drie jaar ontvangen wordt – tot kapitaalverhogingen door inbrengen in natura of in speciën, met in voorkomend geval opheffi ng van het voorkeurrecht van de aandeelhouders.
Bij beslissing van diezelfde Vergadering werd aan de Raad van bestuur de bevoegdheid verleend, zonder voorafgaande beslissing van de Algemene Vergadering, eigen aandelen te verwerven teneinde de vennootschap te behoeden voor ernstige en dreigende schade, voor een hernieuwbare periode van drie jaar, te rekenen vanaf de publicatie in de Bijlagen tot het Belgisch Staatsblad van de wijziging van de statuten beslist door de bovenvermelde Vergadering. De Raad van bestuur is bovendien bevoegd, teneinde voor de vennootschap een ernstig en dreigend nadeel te vermijden, om de eigen aandelen te verkopen, hetzij op de beurs, hetzij door een verkoopbod gedaan onder dezelfde voorwaarden aan alle aandeelhouders overeenkomstig de wettelijke bepalingen. Deze bevoegdheden gelden, onder dezelfde voorwaarden, voor de verwerving of de vervreemding van maatschappelijke aandelen van de vennootschap gedaan door haar dochtervennootschappen waarvan sprake in de artikels 627, 628 en 631 van het Wetboek van Vennootschappen.
De hernieuwing van de bevoegdheden van de Raad beoogd in de paragrafen 3 en 4 hiervoor, zal ter goedkeuring worden voorgelegd aan de Algemene Vergadering van 26 mei 2011.
De Buitengewone Algemene Vergadering van 28 mei 2009 heeft uiteindelijk aan de Raad van bestuur de bevoegdheid verleend om overeenkomstig de wettelijke bepalingen eigen aandelen aan te kopen voor een periode van 5 jaar, onder meer met het oog op de dekking van de aandelenoptieplannen voor de kaderleden van de vennootschap.
De toepasbare regels voor de benoeming en de vervanging van de bestuurders, alsook voor de wijziging van de statuten van de vennootschap, zijn deze voorzien in het Wetboek van Vennootschappen.
De clausules betreffende een verandering van de controle die in kredietovereenkomsten met fi nanciële instellingen en in het prospectus van de uitgifte van obligaties van 23 december 2009 opgenomen zijn, werden goedgekeurd door de Algemene Vergadering van aandeelhouders van 27 mei 2010, in overeenstemming met artikel 556 van het Wetboek van Vennootschappen.
| 2010 | ||
|---|---|---|
| Rendement op jaarbasis | 69,1% | |
| Totaal return voor de aandeelhouders | 70,3% | |
| Gemiddelde koers (EUR) | 36,57 | |
| Hoogste koers (EUR) | 47,20 | 31/12/10 |
| Laagste koers (EUR) | 28,84 | 06/01/10 |
| Gemiddeld volume (in eenheden) | 75.178 | |
| Maximumvolume (in eenheden) | 279.800 | 21/09/10 |
| Minimumvolume (in eenheden) | 9.150 | 29/07/10 |
| 2001-2010 (10 jaar) | ||
|---|---|---|
| Rendement op jaarbasis | 7,3% | |
| Totaal return voor de aandeelhouders | 8,0% | |
| Gemiddelde koers (EUR) | 21,09 | |
| Hoogste koers (EUR) | 47,20 | 31/12/10 |
| Laagste koers (EUR) | 7,22 | 29/12/08 |
| Gemiddeld volume (in eenheden) | 64.579 | |
| Maximumvolume (in eenheden) | 1.007.880 | 05/11/03 |
| Minimumvolume (in eenheden) | 1.160 | 15/08/01 |
Gedetailleerde en historische informatie over de koers en de verhandelde volumes is beschikbaar op de website van D'Ieteren (www.dieteren.com). Avis Europe, fi liaal voor 59,6% van D'Ieteren, is genoteerd op de Beurs van Londen in de sector Transport (code AVE.L).
| Boekjaar van 1 januari tot 31 december | |
|---|---|
| Quotiteit | 1 aandeel |
| ISIN-code | BE0974259880 |
| Reuters-code | IETB.BR |
| Bloomberg-code | DIE.BB |
Het D'Ieteren-aandeel maakt deel uit van de indices BEL MID, Next 150 en Belgian All Shares (BAS) van Euronext met een gewicht van respectievelijk 7,94%, 1,21% en 0,99% op 18 februari 2011. Het maakt eveneens deel uit van sectorale indices gepubliceerd door Dow Jones, Eurostoxx en Bloomberg.
Als de toewijzing van het resultaat die wordt voorgesteld in toelichting 29 van dit verslag wordt goedgekeurd door de Gewone Algemene Vergadering van 26 mei 2011, zal voor het boekjaar 2010 een brutodividend van 0,425 EUR per aandeel worden uitgekeerd, hetzij een nettodividend van 0,319 EUR na aftrek van de roerende voorheffi ng van 25%, of een nettodividend van 0,361 EUR na aftrek van de roerende voorheffi ng van 15% (voor de houders van VVPR-strips).
De uitbetaling van het dividend zal gebeuren vanaf 6 juni 2011.
| Inhoud van het geconsolideerde jaarverslag | Pagina's van het jaarverslag |
|---|---|
| Overzicht van de gang van zaken, resultaten en de positie van de vennootschap | 54-59 |
| Corporate Governance verklaring | 125-137 |
| Andere wettelijke publicaties | 104, 114-116, 119 |
| Tussentijdse managementverklaring (nabeurs) |
17 mei 2011 |
|---|---|
| Algemene vergadering van de aandeelhouders |
26 mei 2011 |
| Notering ex coupon (ex date) | 30 mei 2011 |
| Uitkering van het dividend (payment date) | 6 juni 2011 |
| Resultaten voor het eerste halfjaar 2011 (nabeurs) |
25 augustus 2011 |
| Analistenvergadering & persconferentie HY 2011 |
26 augustus 2011 |
| Tussentijdse managementverklaring (nabeurs) |
16 november 2011 |
GROEP D'IETEREN Vincent Joye Maliestraat, 50 B-1050 Brussel België Tel.: + 32 2 536 54 39 Fax: + 32 2 536 91 39
Informatie over de Groep (persmededelingen, jaarverslagen, fi nanciële kalender, koers van het aandeel, statistieken, sociale documenten,…) is gratis beschikbaar op de website www.dieteren.com, meestal in drie talen (Frans, Nederlands, Engels), of op aanvraag.
Ce rapport annuel est également disponible en français. This Annual Report is also available in English.
Concept en realisatie: The Crew www.thecrewcommunication.com
Studio Dann, Coll. D'Ieteren Gallery, Brussel, en fototheken Volkswagen, Audi, Škoda, SEAT, Bentley, Lamborghini, Porsche, Yamaha, Avis Europe, Belron, GettyImages, Shutterstock en Veer.
De belangrijkste merken van de groep Belron® : Belron®, the Belron® Device, Autoglass®, Carglass®, Glass Medic®, Lebeau Vitres d'autos®, Duro®, Speedy Glass®, Apple Auto Glass®, Safelite® Auto Glass, O'Brien® en Smith&Smith® zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van Belron s.a. en zijn dochtermaatschappijen.
Dit jaarverslag bevat vooruitzichten die risico's en onzekerheden inhouden, onder meer verklaringen over plannen, doelstellingen, verwachtingen en voornemens van D'Ieteren. Lezers worden erop gewezen dat dergelijke vooruitzichten gekende en onbekende risico's inhouden en onderworpen zijn aan belangrijke bedrijfs-, economische en concurrentiële onzekerheden, die D'Ieteren voor een groot stuk niet onder controle heeft. Indien één of meer van deze risico's of onzekerheden zich zouden voordoen of indien gehanteerde grondhypothesen onjuist blijken, kunnen de uiteindelijke resultaten ernstig afwijken van de vooropgestelde, verwachte, geraamde of geëxtrapoleerde resultaten. Dientengevolge neemt D'Ieteren geen enkele verantwoordelijkheid op zich voor de exactheid van deze vooruitzichten.
www.dieteren.com
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.