Annual Report • Mar 31, 2016
Annual Report
Open in ViewerOpens in native device viewer
Ontwikkeling 94
VOORWOORD
Het verbreden en verdiepen van de toegangsgeul van de haven van Mersin in Turkije
CFE sluit 2015 af met een nettoresultaat na belastingen van 175 miljoen euro, een duidelijke vooruitgang tegenover vorig jaar. 2014 bracht reeds betere economische prestaties maar in 2015 zag de groep haar winst opnieuw groeien.
Het succes van 2015 is op de eerste plaats dat van DEME, dat zijn beste boekjaar ooit kende, met uitstekende resultaten en een lage schuld, ondanks belangrijke investeringen die werden opgestart om klaar te zijn voor de toekomst. Met zijn verjongde vloot – dankzij de investeringen van de afgelopen jaren behoort deze tot één van de modernste ter wereld in het domein van de baggerwerken en aanverwante diensten– is DEME vandaag een leider in zijn sector. Ook de kwaliteit van het zeer sterk gegroeide orderboek bevestigt het vermogen van de onderneming om vooruit te gaan. Het is dan ook geen wonder dat DEME werd uitgeroepen tot 'Onderneming van het Jaar'.
Het succes van CFE is ook dat van de Vastgoedontwikkeling. BPI heeft in België, Luxemburg en Polen zijn beste prestatie neergezet sinds het in 2004 door de groep CFE werd overgenomen. Terwijl het uitstaande vastgoedbestand in het algemeen stabiel blijft, heeft de vastgoedonderneming van de groep haar activiteiten in het residentiële domein ontwikkeld en heeft ze daarnaast belangrijke posities ingenomen in verschillende projecten, vooral in Luxemburg, die haar in de toekomst nog sterker zullen maken. De voorraad onverkochte gebouwde appartementen blijft erg klein, wat bewijst dat BPI de grondposities voor zijn bouwactiviteiten oordeelkundig weet te kiezen.
De pool Contracting is in de loop van het boekjaar beduidend geëvolueerd. Binnen CFE is een nieuwe onderneming opgericht, CFE Contracting, die de activiteit Gebouwen in België, Luxemburg, Polen en Tunesië en de bedrijven van
Gedelegeerd bestuurder Gedelegeerd bestuurder
Piet Dejonghe Renaud Bentégeat
de activiteiten Multitechnieken en Rail infra overneemt. Hoewel sommige bouwwerven in het Brussels Gewest in 2015 problematisch bleven, is de nieuwe structuur, die door een nieuwe CEO wordt geleid, goed voorbereid op de volgende jaren, ook al omdat ze kan steunen op de activiteiten van de sectoren Multitechnieken en Rail infra: deze werden in 2014 geherstructureerd en tonen in 2015 grotendeels winstgevende resultaten, het bewijs van hun uitstekende operationele kwaliteit.
Ten slotte werden ook de holdingactiviteiten en de niet-overgedragen activiteiten - die binnen CFE nv blijven - gereorganiseerd.
Een aandachtspunt is de veiligheid, die in de pool Contracting in 2015 niet aan de verwachtingen voldeed. De nieuwe CEO van de pool Contracting zal er met de hulp van de twee gedelegeerd bestuurders van de groep voor moeten zorgen dat de
strijd voor de veiligheid op de werven met reële verbeteringen op het terrein wordt beloond.
2015 eindigt met het beste resultaat in de geschiedenis van CFE. Wat zal 2016 worden? De vooruitzichten voor Baggerwerken en Vastgoedontwikkeling zijn ongetwijfeld gunstig. Voor de pool Contracting zijn wij ervan overtuigd dat de herorganisatie van 2015 de harmonieuze ontwikkeling van zijn filialen en dus eveneens zijn rentabiliteit ten goede zal komen.
De raad van bestuur van CFE beslist, in overeenstemming met Renaud Bentégeat, om Piet Dejonghe aan te stellen als tweede gedelegeerd bestuurder.
Inhuldiging van de uitbreiding van de prestigieuze Muziekkapel Koningin Elisabeth. Dit project is een realisatie van Amart.
DEME Concessions gaat een samenwerking aan met Nordsee Offshore MEG I GmbH voor de gezamenlijke ontwikkeling van het offshorewindpark MEG I in de Duitse Noordzee.
MEG I zal een van de grootste Duitse windparken worden; het wordt ingepland in de Deutsche Bucht – de Duitse Bocht – op ongeveer 45 km ten noorden van Borkum. Dit project van 400 MW zal een miljoen mensen van hernieuwbare stroom voorzien. Het zal de uitstoot van CO2 met ongeveer 1,5 miljoen ton per jaar verminderen. DEME werkt mee aan de ontwikkeling van het windpark, tot en met de afronding van de financiering. Daarna zal DEME betrokken zijn bij de bouw en het onderhoud van het windpark en de financiering op lange termijn.
GeoSea, de specialist in offshorefunderingen van DEME, voltooit de 'financial closing' van de in oktober 2014 aangekondigde overname van de offshoreactiva van de Duitse onderneming Hochtief, één van de grootste bouwgroepen ter wereld.
Lancering van het project CHC MontLégia: een nieuw ziekenhuis dat de activiteiten van drie grote Luikse ziekenhuizen van het Centre Hospitalier Chrétien onder één dak zal verzamelen. Dit project wordt, in handelsvennootschap, uitgevoerd door BPC Liège.
Jaarverslag 2015 4
DEME sleept in samenwerkingsverband het contract voor de eerste fase van het project 'Tuas Terminal' voor de Maritime Port Authority van Singapore in de wacht. De joint venture is verantwoordelijk voor de bouw van een 8,6 km lange kademuur, de winning van ongeveer 300 hectare nieuw land en het baggeren van de vaargeulen. De bouw van de kademuur omvat de fabricage, de tewaterlating, het transport en de plaatsing van 200 caissons van elk 15.000 ton. De joint venture heeft zes jaar om het project te voltooien.
Officiële opening van de eerste fase van de spoorwegtunnel, zijn technische installaties en het ondergrondse station van Delft. Tegelijkertijd wordt de tweede fase van dit project gelanceerd, die in 2018 zal worden opgeleverd.
Eerstesteenlegging van het project 'Galerie Kons' in Luxemburg. Dit project met kantoren, wooneenheden en handelszaken, tegenover het station, wordt door CLE uitgevoerd, in een samenwerking, voor projectontwikkelaar BPI Luxemburg.
Dredging International verkrijgt een uitbreiding met vijf en een half jaar van het bestaande contract met Ok Tedi Mining Ltd. voor de verwijdering van mijnsedimenten uit het hydrografische bekken van de benedenloop van de Ok Tedi, in de westelijke provincie van Papoea-Nieuw-Guinea.
DEME en Windreich bundelen hun krachten voor de ontwikkeling van het offshoreproject 'Merkur Offshore' (MEG I).
BPI verwerft via haar filiaal CLi, in samenwerkingsverband, twee nieuwe grondposities voor de ontwikkeling van een residentieel, commercieel en kantoorproject van ongeveer 40.000 m² bovengronds, evenals de bouw van 50 appartementen en handelsruimten van ongeveer 2.350 m² bovengronds.
DEME Environmental Contractors (DEC) verkrijgt het contract voor de sanering van de voormalige raffinagesite in Valløy, bij Tønsberg (Noorwegen), in opdracht van Esso Norge AS.
Oplevering van het prestigieuze project Baelskaai 12, het eerste gebouw van de nieuwe wijk Oosteroever in Oostende. Dit prachtige project is een realisatie van MBG en Atro Bouw voor projectontwikkelaar BPI.
Eerstesteenlegging van twee schoolprojecten in het kader van het contract 'Scholen van Morgen': Onze-Lieve-Vrouwe-Lourdes in Edegem en Octopus in Sint-Katelijne-Waver, gebouwd door Atro Bouw en MBG.
Oplevering van het mooie gemengde gebouw – handelszaken, een kinderdagverblijf en appartementen – Toison d'Or in Brussel. Dit prestigieuze project is een realisatie van BPC Brabant en Amart
De raad van bestuur van CFE beslist de dagelijkse leiding van CFE Contracting toe te vertrouwen aan een executief comité met vier leden. Het zal worden voorgezeten door Raymund Trost, die tot CEO van CFE Contracting wordt benoemd.
DEME verkrijgt een nieuwe reeks baggercontracten voor onder meer het zijkanaal van Port Said in Egypte, de verbreding en verdieping van de toegang tot het Panamakanaal en de verbreding en verdieping van de toegang tot de haven van Mersin in Turkije.
DEME viert het einde van de werken aan het nieuwe Suezkanaal en neemt deel aan de openingsceremonie in Egypte. De verbreding en verdieping van het kanaal halveert de wachttijd op de navigatieroute. Het is de vierde keer sinds de Tweede Wereldoorlog dat het bagger- en milieubedrijf DEME meewerkt aan de optimalisatie van deze voor de Egyptische economie vitale waterweg.
Belgian Land neemt een participatie van 50% over in de ontwikkeling van het vastgoedproject 'Les Hauts Prés' in Ukkel. BPI heeft het eerste deel van zijn residentieel vastgoedproject zelfstandig gecommercialiseerd, maar besluit nu een partnerschap aan te gaan om de commercialisatie van de tweede fase van het project te versnellen.
CLE verkrijgt, in handelsvennootschap, het contract voor de bouw van het toekomstige Lycée Français aan de Ban de Gasperich in Luxemburg.
DEME wordt uitgeroepen tot Onderneming van het Jaar 2015. Een mooie beloning voor het innoverende ondernemerschap van het bedrijf.
Tijdens het economische bezoek van Hunne Majesteiten Koning Filip en Koningin Mathilde aan Polen ondertekent CFE Polska het contract voor de tweede fase van de bouw van een residentieel project in Warschau voor Matexi.
DEME richt naast de bestaande activiteiten Baggerwerken, Milieu en Offshore een nieuw departement Infra Sea Solutions op. Dit uit zich concreet in de oprichting van de vennootschap DEME Infra Sea Solutions (DISS), die de bedrijven DEME Infra Maritime Contractors (DIMCO) en de in grondwerken en bodemsanering gespecialiseerde bedrijven omvat.
De vennootschappen CFE Nederland bv en GEKA bv worden ondergebracht bij DIMCO, dat ook het personeel van de afdeling MBG Burgerlijke Bouwkunde overneemt.
Dankzij dit nieuwe departement Infra Sea Solutions zal DEME kunnen inspelen op de evolutie van de markt, door zich te profileren als een 'Total Solutions Provider' die gemengde projecten kan uitvoeren, dus projecten die maritieme burgerlijke bouwkunde met baggerwerken combineren.
Bagger- & waterbouwwerken en milieu / Contracting / Vastgoedontwikkeling
het programma DRIVE streeft naar een verbetering van de energie-efficiëntie met
sterke stijging van het nettoresultaat van BPI
+62,8%
Stijging van het orderboek van de groep CFE met
80%
tweede fase van de nieuwe wijk Oosteroever te Oostende
Nettoresultaat aandeel van de groep van DEME
199,2 miljoen euro
STRATEGIE
Voortaan concentreert de vennootschap CFE NV zich op haar holdingactiviteit.
CFE blijft resoluut een strategie implementeren die op drie grote pijlers rust: de focus op de sterke punten van de groep in termen van de vakgebieden en de geografische inplanting, de herorganisatie van de activiteiten, die de autonomie van de filialen en de responsabilisering van hun managers versterkt, en de optimale werking van de synergie op alle niveaus. Dankzij deze strategie kunnen de groep en elk van haar entiteiten hun troeven ten volle uitspelen.
CFE blijft zich op zijn sterke punten focussen, in termen van de vakgebieden – baggerwerken, bouw en vastgoedontwikkeling – en van de geografische inplanting. Deze hercentreringsstrategie mikt echter in geen enkel opzicht op een vermindering van de activiteiten! Ze gaat integendeel samen met de ontwikkeling van de vakgebieden waarin de groep het sterkst staat.
Zo leggen wij nog meer de nadruk op de slagkracht van DEME, dat blijft investeren in een geavanceerde vloot: twee nieuwe ecologische schepen voor de markt van de offshore-energie zijn besteld en zullen in 2017 worden opgeleverd. Meer algemeen investeert DEME in innoverende technologieën, zodat het geïntegreerde oplossingen kan aanbieden voor de verschillende mondiale uitdagingen, zoals de uitputting van de hulpbronnen, de erosie van de kusten als gevolg van de stijgende zeespiegel, of de bodem- en watervervuiling.
In dit streven om geïntegreerde diensten aan te bieden, op de vraag van de markt te antwoorden en een 'total solutions provider' te worden, werden eind 2015 de tot dan toe door CFE verzorgde activiteiten in de maritieme burgerlijke bouwkunde overgebracht naar DEME. Men neemt nu concrete maatregelen om de optimale integratie van deze entiteiten, hun management en personeel in DEME te verzekeren.
CFE versterkt bovendien zijn positie in de vastgoedsector in België, Polen en het Groothertogdom Luxemburg, landen met mooie ontwikkelingsperspectieven. Deze positionering gebeurt nu overal onder de naam BPI, dat het herkenbare merk wordt van een belangrijke Belgische speler op de markt van de vastgoedpromotie- en ontwikkeling.
De bouwactiviteiten zijn voornamelijk geconcentreerd in België, het Groothertogdom Luxemburg, Polen en Tunesië. Deze beslissing om het aantal geografische inplantingen te beperken, paste in het zoeken van nieuwe opportuniteiten in de landen waar de groep
De bouwactiviteiten zijn voornamelijk geconcentreerd in België, het Groothertogdom Luxemburg, Polen en Tunesië.
al aanwezig was. CFE heeft immers in 2015 haar aanwezigheid in deze landen versterkt en zal in 2016 maatregelen nemen om deze zeer positieve ontwikkeling verder te bevorderen.
Naast deze drie grote vakgebieden behoudt de groep uiteraard haar activiteiten in de sectoren van de multitechnieken en het spoor, en blijft ze deze ontwikkelen in de pool Contracting. Deze activiteiten boeken van jaar tot jaar mooie resultaten en hebben gunstige vooruitzichten.
De interne herorganisatie van de groep CFE, bedoeld om de efficiëntie te optimaliseren en nog beter in te spelen op de verwachtingen van de markt, is nu voltooid en uit zich in een verjongde dynamiek van de nieuwe structuren, die meer autonomie en verantwoordelijkheid hebben gekregen. Ze zijn beter dan ooit in staat om elk een coherente strategie te ontwikkelen, volledig op maat van de specifieke aard van hun activiteiten en hun eigen markten.
In de praktijk concentreert de vennootschap CFE nv zich voortaan op haar zuivere holdingactiviteit, met een beperkt aantal medewerkers die instaan voor de algemene leiding en andere diensten voor de groep, de betrekkingen met de aandeelhouders, de consolidatie van de rekeningen en de institutionele communicatie op de schaal van de groep.
De operationele activiteiten worden verzorgd door drie onderscheiden juridische structuren: naast DEME, een 100%
filiaal van CFE dat de activiteiten baggerwerken en aanverwante diensten op zich neemt, verzamelt CFE Contracting nv de activiteiten bouw, multitechnieken en rail infra, en heeft BPI nv alle activiteiten in de vastgoedontwikkeling overgenomen.
Deze grotere autonomie van de filialen impliceert ook de responsabilisering van hun directie, en gaat samen met een transparante rapportering en een sterkere controle van de operationele en financiële prestaties.
De grotere autonomie van de verschillende entiteiten na de herorganisatie gaat samen met een versterking van de synergie. 'Best practices' uitwisselen, samenwerken aan grote werven of complexe projecten die een beroep doen op verschillende vakgebieden, opportuniteiten delen afhankelijk van de geografische ligging… er komen meer en meer kansen voor synergie, zowel tussen de filialen van eenzelfde pool als tussen de verschillende polen. Een mooi voorbeeld is de vastgoedontwikkeling, die haar projecten uiteraard bij voorkeur door de bedrijven van de groep laat uitvoeren.
CFE brengt zijn ambitie om 'samen de toekomst te bouwen' dus meer dan ooit in de praktijk, vandaag en in de jaren die volgen.
Lode Franken
CFE
Rekening houdend met het specifiek karakter van de vakgebieden, zijn al in de vroegste stadia strikte controleprocedures van kracht. Alle bindende offertes voor een bedrag van meer dan 50 miljoen euro (bouw) of 10 miljoen euro (multitechnieken en spoorinfra) moeten vooraf worden goedgekeurd door het risicocomité.
Hetzelfde geldt voor elk project: dat financiële middelen impliceert die ongebruikelijk zijn voor de groep (meer bepaald alle PPS-operaties), dat de toepassing van een nieuwe of onvoldoende beheerste technologie vereist, dat ongebruikelijke vennootschapsrechtelijke verplichtingen omvat of dat zal worden uitgevoerd in een land waar de groep nog niet actief is.
CFE controleert haar baggerfiliaal onder meer:
Lode Franken vertegenwoordigt het management van CFE in deze drie comités.
Bestuurder Lid van het auditcomité
Bestuurder – Lid van het benoemings- en remuneratiecomité
vertegenwoordigd NV Consuco – Onafhankelijk bestuurder – Lid van het auditcomité – Lid van het benoemings- en remuneratiecomité Einde mandaat na de AVA van 04/05/2016
vertegenwoordigd BVBA Ciska Servais – Onafhankelijk bestuurder – Voorzitter van het
benoemings- en remuneratiecomité
Onafhankelijk bestuurder – Voorzitter van het auditcomité Einde mandaat na de AVA van 04/05/2016
Bestuurder
Gedelegeerd bestuurder
Piet Dejonghe Gedelegeerd bestuurder
Alain Bernard
Bestuurder
Onafhankelijk bestuurder – Lid van het auditcomité
Bestuurder
Christian Labeyrie
Bestuurder – Lid van het auditcomité
Philippe Delaunois
vertegenwoordigd NV C.G.O. – Voorzitter van de raad van bestuur Einde mandaat na de AVA van 04/05/2016
Sinds 5 mei 1994 is Philippe Delaunois bestuurder en voorzitter van CFE. Gedurende meer dan twintig jaar wist hij met kennis de ontwikkeling en de successen van de groep te begeleiden samen met de gedelegeerd bestuurders, Henri Taverne en nadien Renaud Bentégeat.
Voormalig gedelegeerd bestuurder van de groep Cockerill Sambre, werd Philippe Delaunois in 1989 bekroond tot 'Manager van het jaar' en was hij voorzitter van de 'Union Wallonne des Entreprises' van 1990 tot 1993. Een vooraanstaand persoon voornamelijk in de Franstalige en Waalse economische wereld, oefent Philippe Delaunois vandaag nog steeds verschillende mandaten uit als bestuurder in befaamde maatschappijen zoals Sabca en Nethys.
Zijn mandaat als bestuurder bij CFE eindigt na de Algemene Vergadering van 4 mei 2016. Ook de voltallige raad van bestuur van CFE wenste een hulde te brengen aan Philippe Delaunois tijdens haar vergadering van 24 februari 2016.
CFE heeft altijd voorrang gegeven aan de veiligheid. In 2015 volstond dat echter niet om ongevallen te voorkomen. De groep zal daarom in 2016 haar inspanningen om de trend te keren opdrijven.
De veiligheidscijfers zijn in 2015 iets minder goed dan in 2014. We noteerde immers enkele ernstige ongevallen op werven van de pool Contracting, op internationale werven, met name in Nigeria, maar ook in België, zowel bij het personeel van CFE als bij haar onderaannemers.
Deze betreurenswaardige evolutie doet zich voor in weerwil van de campagnes en opleidingen 'Veiligheid Beheren' die intensief in 2013 en 2014 en in het eerste kwartaal van 2015 werden gevoerd. De opleidingen worden met nieuwe acties voortgezet, maar hebben nog geen vruchten gedragen.
Het jaar 2016 zal worden gekenmerkt door een verdubbeling van de inspanningen voor veiligheid, onder meer door middel van gerichte bewustmakingsacties. In het kader van de herorganisatie van de groep CFE zijn de verschillende entiteiten en filialen nu verantwoordelijk voor de bewustmakingsacties, maar een reeks gemeenschappelijke veiligheidseisen blijven actueel en zullen door de nieuwe directie van de pool Contracting nog worden versterkt.
De veiligheid, de gezondheid en het welzijn van het personeel zijn zeer belangrijke aandachtspunten voor DEME. De eliminatie en de beheersing van de risico's maken deel uit van het systeem voor bedrijfsbeheer en gelden voor elke operationele taak.
Het offshorefiliaal Tideway behaalde voor het derde jaar op rij geen enkel ongeval met werkverlet.
De statistieken bewijzen de doeltreffendheid van de proactieve benadering, met in de laatste jaren een duidelijke verbetering op het vlak van de ernstgraad van de ongevallen. Zo behaalde het offshorefiliaal Tideway voor het derde jaar op rij geen enkel ongeval met werkverlet.
In 2015 heeft DEME acht key performance indicators voor de veiligheid bepaald. Vier van de acht streefdoelen werden bereikt. De resultaten op het einde van dit overgangsjaar tonen dat men de inspanningen moet voortzetten. Want hoewel er een verbetering is, blijft elk ongeval met werkverlet (14 in het jaar 2015) onaanvaardbaar. Eén enkel doel: nul ongevallen!
Baggerwerken
Vijf jaar geleden lanceerde DEME haar programma voor de bewustmaking voor de veiligheid, met de naam CHILD. De nieuwe versie, CHILD 5, wil het veiligheidsbewustzijn vergroten en ervoor
Rail infra &
zorgen dat de veiligheid een permanente reflex wordt voor alle medewerkers. Het nieuwe programma is gebaseerd op adviezen die op alle niveaus van de onderneming werden verzameld.
Om de individuele verantwoordelijkheid voor de veiligheid te bevorderen, hanteert DEME een 'Stop Work Authority Policy' (machtiging om het werk te stoppen). Elk personeelslid krijgt de toelating om elke persoon, elke taak of verrichting die slecht voorbereid, ongecontroleerd of gevaarlijk is, te stoppen of te laten stoppen. Alle situaties die de toepassing van deze procedure hadden kunnen
rechtvaardigen, werden besproken tijdens de in 2015 georganiseerde DEME Safety Moment Day.
DEME ontving de 'Bechtel's Safety Excellent Contractor Award', naast vijf prijzen als 'Safety Subcontractor of the Month', voor de voorbeeldige veiligheid van het project Wheatstone in Australië, waar het team 2,6 miljoen uur werkte zonder één enkel ongeval met werkverlet. DEME werd ook bekroond met de prestigieuze 'Contractor Recognition Award' van Chevron, voor haar belangrijke
| In % | Groep & Concessies | DEME | Contracting | Immo | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| 2013 2014 |
91 78 |
4.370 4.264 |
3.805 3.634 |
44 45 |
8.310 8.021 |
| 2015 | 62 | 4.421 | 3.629 | 48 | 8.160 |
In 2015 ontvingen 36 medewerkers hun diploma van jonge projectleider in de bouw.
bijdrage aan de 'Project's Safety Performance'.
Binnen de bedrijven worden tal van veiligheidsopleidingen georganiseerd, specifiek voor elk vakgebied. Ze worden aangevuld met opleidingen in de reglementaire, normatieve (VCA) of klantspecifieke (ELIA, petrochemie…) eisen en met meer algemene op het gedrag en de bewustmaking rond de veiligheid gerichte opleidingen. Verscheidene bedrijven van de groep hebben ook een 'Safety Day' georganiseerd.
De opleiding en de ontwikkeling van de medewerkers zijn vanouds prioriteiten van de groep CFE. Ook dit jaar werden tal van opleidingen georganiseerd in een hele reeks domeinen: technische
opleidingen in de verschillende vakgebieden, taalopleidingen, administratie, boekhouding, juridische aspecten, informatica, management, milieu, veiligheid, hygiëne… Dankzij deze opleidingen kunnen de medewerkers
hun competenties doorlopend optimaliseren en bovendien hun ervaringen met collega's delen.
In het voorjaar van 2015 werden ook de diploma's uitgereikt van de opleidingssessies voor jonge projectleiders in de bouw, die in 2013 begonnen. Enkele van de behandelde thema's: een team leiden, planning en uitvoering van werken, onderhandelen met leveranciers, bestekprocedures, bekistingsmaterieel, juridische en contractuele aspecten, nieuwe technologieën enzovoort. 36 jonge medewerkers van de groep CFE hebben deze opleiding met enthousiasme gevolgd.
In het kader van de internationalisering van de groep DEME en van de aanwerving van personeel, werden verscheidene samenwerkingsakkoorden afgesloten met scholen en universiteiten in Frankrijk, Rusland, Ghana, Singapore enz. Deze opleidingen kunnen verschillende vormen aannemen: formele sessies, binnen of buiten DEME, afstandsleren, e-learning, opleidingen op het terrein of met scheepssimulatoren, enz.
Bij de bestaande initiatieven worden de opleidingen met simulators van baggerschepen in Zwijndrecht, Zeebrugge en in het noorden van Frankrijk voortgezet. Beginnende, intermediaire of zeer ervaren medewerkers kunnen ze gebruiken om te experimenteren met het werk aan boord. Resultaat: ze komen
| 2015 | Arbeiders | Bedienden | Totaal |
|---|---|---|---|
| Groep & Concessies | 2 | 60 | 62 |
| DEME | 2.001 | 2.420 | 4.421 |
| Contracting | 2.280 | 1.349 | 3.629 |
| Immo | 0 | 48 | 48 |
| Totaal CFE | 4.283 | 3.877 | 8.160 |
| Contracten van onbepaalde duur |
Contracten van bepaalde duur |
Werk & studies |
Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| 2013 | 7.194 | 1.108 | 8 | 8.310 |
| 2014 | 6.727 | 1.285 | 9 | 8.021 |
| 2015 | 6.471 | 1.685 | 4 | 8.160 |
De entiteiten hebben diverse initiatieven genomen: opleidingen en toolboxmeetings over de verschillende werken die op de werven worden uitgevoerd, regelmatige opvolging van de veiligheid op de werven door de werfleiders en de directie, eerstehulpcursussen, brandoefeningen, het opstellen en verspreiden van instructies voor de veiligheid op de werf, inbedrijfstelling van specifieke uitrustingen, een dagelijks ochtendoverleg met de werfteams over de te nemen veiligheidsmaatregelen, veiligheidsdagen, versterking van de contractuele eisen inzake de veiligheid, ontwikkeling van een eigen evaluatiesysteem, operationele vergaderingen met een preventieadviseur, voorafgaande analyse van de werfrisico's, wedstrijden rond de persoonlijke beschermingsmiddelen, Q.S.E.-coördinatiecomité voor de verschillende filialen, enz.
| 2013 | 2014 | 2015 | |
|---|---|---|---|
| < 25 | 617 | 549 | 584 |
| 26-30 | 1.332 | 1.159 | 1.182 |
| 31-35 | 1.287 | 1.249 | 1.320 |
| 36-40 | 1.154 | 1.114 | 1.164 |
| 41-45 | 1.158 | 1.083 | 1.087 |
| 46-50 | 1.082 | 1.112 | 1.055 |
| 51-55 | 849 | 834 | 861 |
| 56-60 | 581 | 644 | 641 |
| > 60 | 250 | 277 | 266 |
| 2013 | 2014 | 2015 | |
|---|---|---|---|
| < 1 | 1.690 | 982 | 1.527 |
| 1-5 | 2.719 | 2.831 | 2.599 |
| 6-10 | 1.573 | 1.871 | 1.804 |
| 11-15 | 954 | 903 | 779 |
| 16-20 | 465 | 495 | 539 |
| 21-25 | 479 | 499 | 454 |
| > 25 | 430 | 440 | 458 |
| 2013 | 2014 | 2015 | |
|---|---|---|---|
| Bedienden (M) |
4.188 | 2.946 | 2.968 |
| Bedienden (V) |
886 | 900 | 909 |
| Arbeiders | 3.179 | 4.144 | 4.227 |
| Arbeidsters | 57 | 31 | 56 |
goed opgeleid en geoefend aan boord van het schip!
De in 2014 gestarte opleidingen die aangepast zijn aan de laatste eisen van de STCW-conventie (Standards of Training, Certification & Watchkeeping) gaan op wereldschaal verder.
Daarnaast worden verscheidene nieuwe initiatieven ontwikkeld, onder meer om een goed risicobeheer te verzekeren in de almaar complexere contracten, en om de bemanningsleden de mogelijkheid te bieden hun STCW-certificaat te verkrijgen, zodat zij overal ter wereld kunnen varen.
Hoewel in de bouwactiviteiten van de pool Contracting het aantal arbeiders in België gedaald is tegenover vorig jaar, is het personeelsbestand gegroeid in Tunesië (meer dan 500 aanwervingen, voornamelijk van arbeiders) en in
Polen, waar vooral bedienden werden aangeworven.
Voor de andere internationale bouwactiviteiten die de holding beheert, is het personeelsbestand gedaald in Algerije en Nigeria, als gevolg van een vermindering van de bouwactiviteiten. Dit geldt ook voor Centraal-Europa, na de stopzetting van de activiteiten in Hongarije en Slowakije.
De verkoop van de vennootschap Aannemingen Van Wellen (afdeling wegenbouw) leidt uiteraard tot een daling van het personeelbestand van de vroegere pool Spoor- en Wegeninfra. Maar in de ondernemingen die in de sector van het spoor actief zijn, ziet men een globale stabiliteit van het personeel en een lichte stijging van het aantal arbeiders; sommige van deze bedrijven hebben aangeworven, andere hebben hun personeelsbestand ingekrompen. De ondernemingen in de sector van de multitechnieken kenden een aanzienlijke daling van het aantal arbeiders en een lichtere daling van het aantal bedienden.
Anderzijds nam het personeelsbestand in de vastgoedactiviteiten lichtjes toe.
Rekening houdend met het vertrek en de komst van medewerkers (zonder de baggeractiviteit) en met de verkoop van de wegenactiviteit, is het totale personeelsbestand van de groep gestegen met 150 arbeiders en gedaald met 100 bedienden.
Deze cijfers houden echter nog geen rekening met de integratie van de activiteiten maritieme burgerlijke bouwkunde in DEME. Ze werd eind 2015 geconcretiseerd met de verkoop aan DEME van de vennootschappen GEKA en CFE Nederland en de overplaatsing naar DEME van het personeel van MBG Burgerlijke Bouwkunde. In totaal ongeveer 130 personen voegden zich bij het personeel van DEME.
In de pool Contracting heeft de groep een groot aantal bedienden aangeworven, voornamelijk in Tunesië en in Polen maar ook in België, bij CFE Bâtiment Brabant Wallonie, Druart en Voltis. De aanwerving van arbeiders was massaal in Tunesië en ook opmerkelijk bij Remacom, in de spoorsector.
| 2013 | 2014 | 2015 | |
|---|---|---|---|
| Aantal dagen afwezigheid wegens ziekte | 60.021 | 75.695 | 71.604 |
| Aantal dagen afwezigheid wegens arbeidsongeval | 7.233 | 4.265 | 5.974 |
| Aantal dagen afwezigheid wegens ongeval op de weg naar/van het | 250 | 129 | 430 |
| werk | |||
| Aantal dagen afwezigheid wegens beroepsziekte | 0 | 163 | 0 |
| Aantal gewerkte dagen | 2.427.242 | 1.967.126 | 1.951.885 |
| Afwezigheidsgraad | 2,78% | 4,08% | 4,00% |
| In aantal uren per soort opleiding | TotaAl 2014 | TotAal 2015 | Mannen | Vrouwen |
|---|---|---|---|---|
| Technieken | 49.736 | 57.265 | 55.593 | 1.672 |
| Hygiëne en veiligheid | 59.590 | 68.918 | 66.284 | 2.634 |
| Omgeving | 2.251 | 1.970 | 1.743 | 227 |
| Management | 15.574 | 22.800 | 20.691 | 2.109 |
| Informatica | 9.843 | 12.634 | 9.924 | 2.710 |
| Adm/Boekh/Beheer/Jur. | 11.255 | 5.827 | 3.202 | 2.625 |
| Talen | 2.584 | 4.931 | 3.497 | 1.434 |
| Diversiteit | 18 | 0 | 0 | 0 |
| Andere | 5.970 | 6.366 | 4.273 | 2.093 |
| Totaal | 156.821 | 180.711 | 165.207 | 15.504 |
Sinds 1 januari 2015 zijn in het Brussels Gewest reglementen van toepassing die de toekenning van een bouwvergunning afhankelijk maken van criteria voor passiefbouw. Vlaanderen en Wallonië zullen in de volgende jaren dit voorbeeld volgen.
CFE voert sinds vele jaren een concreet beleid voor duurzame ontwikkeling en heeft in dit opzicht een belangrijke knowhow verworven in haar verschillende entiteiten.
Overheidsadministraties tonen steeds meer aandacht voor de duurzaamheid van gebouwen, maar zoeken ook de voordeligste offertes. Sinds 1 januari 2015 zijn in het Brussels Gewest reglementen van toepassing die de toekenning van een bouwvergunning afhankelijk maken van criteria voor passiefbouw. Vlaanderen en Wallonië zullen in de volgende jaren dit voorbeeld volgen. De groep moet haar beleid voor duurzame ontwikkeling dus op lange termijn geleidelijk aan laten evolueren om het aan te passen aan de vraag, zonder de rentabiliteit uit het oog te verliezen die onontbeerlijk is voor haar activiteiten.
In de loop van 2015 heeft de afdeling Duurzame Ontwikkeling zijn specialisten ter beschikking gesteld van de filialen, om hen te helpen bij het verkrijgen van contracten door oplossingen te zoeken
voor bijvoorbeeld de constructie van een duurzaam gebouw zonder te veel meerkosten. In 2015 werd er onder meer met CFE Brabant samengewerkt aan de berekening van de energiestroom van het waterzuiveringsstation van Vorst, aan de BREEAM-analyse van het project ELIA en aan de studies voor het energiebeheer van grote administratieve gebouwen. Tevens werkten men samen aan het project van het Lycée Français in Luxemburg, dat van de zetel van BNP in Algiers en verscheidene projecten van BPI.
Dankzij deze aanhoudende bijstand hebben de verschillende entiteiten in de loop der jaren een kostbare knowhow in duurzaamheid ontwikkeld, zodat zij nu over een eigen milieu-expertise beschikken. Daarom werd in het tweede semester van 2015, in het kader van de herorganisatie van de groep, beslist dat de activiteiten van de afdeling Duurzame Ontwikkeling zouden worden overgenomen door de filialen zelf.
CFE heeft in 2015 heel wat passiefgebouwen of energiezuinige gebouwen gerealiseerd! Bij de passiefgebouwen vermelden we onder meer de school 'Les Trèfles' in Anderlecht en een kinderdagverblijf in Laken (CFE Brabant), of het Datacenter van de Universiteit van Gent (MBG). Veel projecten hebben ook de BREEAM- of BREEAM Excellent-certificering verkregen of zullen dat weldra doen. We vermelden onder meer de projecten Docks en Toison d'Or in Brussel (BPC Brabant), Regent 35 (Amart), Mediasambre (BPC Wallonie), Orange Office Park en Galeria Copernicus (CFE Polska), de zetel van de bank BGL BNP in Luxemburg (CLE), de zetel van het Rode Kruis in Mechelen en het Jeugd- en Verblijfcentrum in Brasschaat (Atro). Verscheidene projecten van BPI Luxembourg (EdenGreen, Green Hill, Kons, G4S, Glesener, Differdange) verkregen duurzame certificaten (of zullen ze verkrijgen). Het gebouw Serenity is het eerste met HQE-certificering van Luxemburg!
Sommige activiteiten zijn van nature 'duurzaam'. Dat geldt bijvoorbeeld voor werken die het gebruik van minder vervuilend transport bevorderen, zoals de trein, of de bouw van waterzuiveringsstations. Of ook nog de installatie van verwarmings- of klimaatregelingssystemen met warmterecuperatie (Procool) en de plaatsing en het onderhoud van fotovoltaïsche panelen (Nizet). Daarnaast onderhoudt be.Maintenance gebouwen, optimaliseert het hun procedures om het verbruik te beperken en bevordert het energiezuinige oplossingen bij de klanten.
In vijftien jaar tijd is het verbruik van de hoofdzetel van de groep met meer dan 55% gedaald! Ook in 2015 werden nieuwe maatregelen genomen, onder meer in het domein van de verlichting, met een daling van het energieverbruik van de verlichtingstoestellen met 35%. Dankzij deze verschillende initiatieven kan de groep haar verbintenissen naleven, met name in het kader van de norm ISO 14065. Ze verlaagt haar energieverbruik met 3% per jaar.
In 15 jaar tijd is het verbruik van de hoofdzetel van de groep CFE met meer dan 55% gedaald!
DEME spant zich in om haar wereldwijde activiteiten op een duurzame, verantwoordelijke manier te ontwikkelen, met eerbied voor het milieu en de gemeenschappen.
Innovatie vormt een vitaal onderdeel van de strategie van DEME. Haar benadering van onderzoek & ontwikkeling is multidisciplinair, met een nauwe samenwerking tussen de werven, de vaartuigen en de directie, maar ook tussen het
studiebureau, de teams van het projectbeheer, de technische en engineeringdepartementen, het Central Competence Centre, het departement RMPE (Research, Methodology, Production & Engineering) en het departement AD & I (Applied Development & Innovation).
DEME is één van de pioniers van de ontwikkeling van innoverende benaderingen van offshore ontginningscontracten. Dit uit zich in een groot aantal projecten.
DEME is één van de belangrijkste industriële partners van het Europese project 'Blue Mining', dat de beste technische oplossingen wil ontwikkelen voor de precieze en economisch rendabele ontdekking, evaluatie en extractie van mineralen in diepzeewateren (tot op 6.000 m).
De toekomstige vaartuigen van DEME zullen worden uitgerust met zonnepanelen, windturbines, systemen voor warmterecuperatie en gemengde motoren.
De technologie met dubbele brandstof is zowel duurzaam als toekomstgericht, met motoren die naar keuze diesel of LNG kunnen gebruiken en de uitstoot beperken van CO2 (± 20% vermindering), NOx (± 90% vermindering), SOx (> 95%) en fijnstof (> 95%).
De Europese Commissie steunt innovaties voor een zekere en duurzame bevoorrading met grondstoffen, met de financiering van een 4-jarenproject: 'Breakthrough Solutions for the Sustainable Harvesting and Processing of Deep Sea Polymetallic Nodules – Blue Nodule' (Innoverende oplossingen voor de extractie en duurzame verwerking van polymetallische knollen in diepzeewateren - Blue Nodule). De filialen Dredging International en Global Sea Mineral Resources van DEME nemen deel aan dit project, dat een consortium van 14 Europese ondernemingen en organisaties voor geavanceerd onderzoek samenbrengt.
Jaarverslag 2015 20
Het project MIDAS (Managing Impacts of Deep Sea Resource Exploitation), waarin DEME eveneens een partner is, verzamelt een ruime waaier van experts in uiteenlopende disciplines, voor de studie van de potentiële milieu-impact van de diepzeeontginning van grondstoffen en het geven van aanbevelingen over de beste manier om met deze impact om te gaan.
In 2015 heeft het Joint Programming Initiative Healthy and Productive Seas and Oceans (JPI Oceans) een proefproject georganiseerd, 'Ecological Aspects of Deep-sea Mining' ('Ecologische aspecten van diepzeeontginning'), dat de mogelijke ecologische impact van commerciële ontginningsactiviteiten evalueert. Drie expedities hebben verscheidene extractiezones bestudeerd.
In december 2015 werd de kiel gelegd van de 'Living Stone', het eerste ecologische multipurpose schip van DEME. Het schip wordt in Bilbao (Spanje) gebouwd en zal in 2017 de vloot van DEME versterken. De vloot zal ook worden aangevuld met het schip Apollo, dat door Eversea, een filiaal van GeoSea, zal worden ingezet om diensten te leveren aan de olie- en gasindustrie, en met de Rambiz, een kraanschip van 4.000 ton, waarvan in februari 2015 de kiel werd gelegd. In 2015 werden ook verscheidene schepen besteld (Bonny River, Minerva, Scheldt River,
Mattedoor…) om de oudere vaartuigen te vervangen.
Deze toekomstige vaartuigen van DEME zullen groene schepen zijn. Ze worden onder meer uitgerust, afhankelijk van het geval, met zonnepanelen, windturbines, systemen voor warmterecuperatie en gemengde motoren (twee brandstoffen), zodat ze zo weinig mogelijk brandstof zullen gebruiken en het uiterste minimum aan CO2, NOx en SOx zullen uitstoten. Deze schepen zullen een Groen Paspoort en een Clean Designcertificering krijgen. Ze zijn een mooie illustratie van de eerbied van DEME voor het milieu.
Het nieuwe Programma voor Duurzame Ontwikkeling van de Verenigde Naties (UN SDG, 2015) is een voor DEME bijkomende inspiratiebron in de context van de gevolgen van de klimaatverandering, de historische pollutie, de uitstoot van
broeikasgassen en de uitputting van de natuurlijke hulpbronnen.
Het programma rond broeikasgassen en energie heeft al een aantal verbeteringsinitiatieven opgeleverd die tot stand kwamen via DRIVE (DEME's Resolve on Innovation and Value Engineering), naast innoverende oplossingen voor brandstofbesparing die de in 2012 opgerichte Fuel Efficiency Task Force (Werkgroep voor energie-efficiëntie) ontwikkelde. Deze werkgroep doet permanent onderzoek naar innovatieve oplossingen om energie en brandstof te besparen. Vandaag voldoen alle vaartuigen van DEME aan de strengste internationale emissie-eisen.
De broeikasgasemissies van DEME worden gekwantificeerd en verwerkt in rapporten die conform de ISO 14064- 1-norm worden opgesteld. Ze zijn opgenomen in de door Lloyds Register
gecertificeerde CO2 Performance Ladder en krijgen de hoogste score 5.
De koolstofuitstoot blijft dalen in verhouding tot de omzet. Dit bewijst de effectiviteit van de initiatieven van DEME in het kader van het programma DRIVE, dat streeft naar een verbetering van de energie-efficiëntie met 7% tegen 2022 (in vergelijking met 2011).
DRIVE, het initiatief voor doorlopende verbetering en operationele uitmuntendheid dat in 2011 door DEME werd gestart, is geëvolueerd naar een meer geïntegreerde benadering die ook de strategische planning van de activiteitsprocessen van DEME omvat. DRIVE rust op drie pijlers:
DRIVE Operational and Technical Innovation (Operationele en technische innovatie) is een pragmatische innovatiebenadering die gemakkelijk in de projecten in de praktijk kan worden gebracht;
Het geheel is het voorwerp van een controlesysteem en een grootschalige uitwisseling van ervaringen tussen de verschillende entiteiten, zodat DEME duurzaam vooruitgang kan boeken, zowel op het niveau van de productiviteit en de resultaten als op dat van de milieuprestaties.
CFE HOLDING CFE Infra, BAGECI, CFE International, CFE Algérie, CFE Tchad, Cobel Contracting (50 %), Bayer-CFE (50 %), CFE România
CFE heeft de grootschalige herorganisatie van zijn activiteiten in 2015 voortgezet om ze te optimaliseren dankzij de complementariteit en de synergie tussen zijn verschillende entiteiten. De groep steunt nu op drie onderscheiden activiteitendomeinen: bagger- & waterbouwwerken en milieu, verzekerd door DEME, bouw, multitechnieken en rail infra, verzameld in CFE Contracting (met uitzondering van een gedeelte van de internationale activiteiten) en vastgoedontwikkeling, verzekerd door BPI.
DEME wordt geleid door Alain Bernard en boekt een opmerkelijk succes dat door het geheel van de pers en de financieel analisten wordt verwelkomd. DEME werd trouwens uitgeroepen tot 'Onderneming van het Jaar 2015', een titel die het met zijn wereldwijde activiteiten, dynamisme en innovatievermogen ten volle heeft verdiend. DEME, een 100% filiaal van CFE nv, vertegenwoordigt 75% van de activiteit van de groep.
CFE Contracting, dat in het tweede semester van 2015 werd opgericht, wordt geleid door een executief comité met Raymund Trost als voorzitter en Frédéric Claes, Fabien De Jonge en Yves Weyts als andere leden. CFE Contracting groepeert de activiteiten bouw, multitechnieken en rail infra in de Benelux, Polen en Tunesië; de andere activiteiten worden op het niveau van de holding beheerd. CFE Contracting bleef het in 2015 goed doen, ondanks de toegenomen concurrentie op
diverse markten. De vooruitzichten voor 2016 en de volgende jaren zijn goed.
BPI wordt geleid door Jacques Lefèvre en verzamelt nu alle vastgoedactiviteiten van de groep in België, Luxemburg en Polen. Deze activiteiten presteren niet alleen goed maar zijn ook een bron van contracten voor CFE Contracting.
Ten slotte werden, nog altijd in het kader van de herorganisatie, de activiteiten maritieme burgerlijke bouwkunde bij DEME ondergebracht om hun continuïteit optimaal te verzekeren en aan de behoeften van DEME in dit domein te voldoen. DEME werd op het einde van het jaar de aandeelhouder van CFE Nederland en GEKA, en nam op 1 januari 2016 een groot gedeelte van het personeel van het voormalige MBG Burgerlijke Bouwkunde en van het studiebureau over.
Voor de duidelijkheid moet echter worden vermeld dat de 'maritieme' burgerlijke bouwkunde of de 'waterbouw' voortaan door DEME wordt uitgevoerd, maar dat de andere activiteiten in de burgerlijke bouwkunde binnen CFE Contracting zullen blijven. Naast de voortzetting van de lopende werven kan men bijvoorbeeld het op het einde van het jaar verworven contract voor de bouw van een brug in het Groothertogdom Luxemburg vermelden.
Met uitzondering van de in Polen en Tunesië uitgevoerde opdrachten worden de internationale bouwactiviteiten voortaan door CFE nv beheerd.
In 2015 werden verscheidene werven in Tsjaad, Sri Lanka, Nigeria en Algerije voltooid. Het was echter ook een jaar waarin activiteiten werden geconsolideerd en geliquideerd, vooral in Centraal-Europa. In 2016 zullen onder meer de activiteiten in Roemenië, Nigeria en Algerije worden voortgezet. Voor zijn nieuwe contracten hanteert CFE International voortaan een strategie die zich enkel beperkt tot het opzetten van operaties om de rentabiliteit van de projecten en de kwaliteit van hun uitvoering te verzekeren. De oprichting van de
In 2015 werden verscheidene werven in Tsjaad, Sri Lanka, Nigeria en Algerije voltooid.
onderneming BAYER-CFE past in deze optiek. Ze komt voort uit CFE Hongarije en een belangrijke plaatselijke kmo die activiteiten in Hongarije en Roemenië zal
maatschappelijke zetel voor BNP CFE heeft in augustus de 30.000 m2 kantoren opgeleverd van de maatschappelijke zetel van BNP in Algiers, Algerije. Dit mooie gebouw heeft van de stedelijke gebouwendienst de certificering 'Qualité du Bâtiment et de conformité technique' ontvangen. In 2016 zal een onderhoudscontract worden uitgevoerd, samen met door BNP gevraagde bijkomende werken.
Sri Lanka: drinkwatervoorziening
In Sri Lanka werden de door CFE ontworpen en uitgevoerde systemen voor drinkwatervoorziening in september 2015 opgeleverd tot voldoening van de klant, de National Water Supply & Drainage Board. De teams van CFE International en Nizet Entreprise hebben in synergie aan deze twee waterzuiveringsstations en hun 80 km transmissieen distributieleidingen gewerkt. Het
ontwikkelen.
Algerije: een nieuwe
project omvatte werken in de burgerlijke bouwkunde en de levering en installatie van elektromechanisch materieel voor de zuivering en de controle.
In Nigeria werkte CFE in 2015 verder aan de uitvoering van het bouwcontract voor het project Eko Energy Estate, in de vorm van een leveringscontract dat loopt tot in 2017. De ruwbouw van het project Eko Tower II, een ambitieus complex met een 120 meter hoge toren (de hoogste van Lagos), werd op het einde van het jaar voltooid. De oplevering is voor het derde kwartaal van 2016 gepland. Na onderhandelingen met de klant werd het contractuele kader gewijzigd en zal de klant de afwerking en de elektrische installatie rechtstreeks verzorgen.
In Tsjaad houdt de onderneming een belangrijke vordering op de Staat in verband met de werken voor het ministerie van Financiën en het Grand Hôtel de N'Djamena. CFE blijft met het volledige akkoord van de overheid van Tsjaad een financiering zoeken die de opening mogelijk moet maken van het hotel, dat onder het merk Radisson zal worden uitgebaat.
Het Grand Hôtel de N'Djamena is een standingvol gebouw, met een congrescentrum dat tijdens de in de hoofdstad georganiseerde internationale congressen de staatshoofden zal verwelkomen. Het
gebouw werd in december opgeleverd. De levering van het meubilair, dat het voorwerp vormde van een afzonderlijk contract, werd in januari geleverd.
CFE Nederland heeft in 2015 verscheidene grote werven voortgezet, waaronder het project Spoor & Stad Delft, met onder meer de bouw van een spoorwegtunnel. De eerste fase van de tunnel is voltooid, zodat de treinen op twee sporen kunnen rijden. De tweede fase van de tunnel, de op termijn vier sporen zal tellen, is in voorbereiding. In Alkmaar is ook de bouw van de beweegbare brug Nelson Mandela goed opgeschoten: de betonnen opritten en de montage van de brug zijn voltooid en de testfase wordt voorbereid. De viaducten over de A13 zijn eveneens klaar, zodat de nieuwe verkeerswisselaar nu operationeel is. Het project Kademuur Shtandart in Rotterdam werd geannuleerd, aangezien de toekomstige exploitant heeft afgezien van zijn activiteiten. Eind 2015 werd CFE Nederland samen met GEKA opgenomen in de entiteit DIMCO van het nieuwe departement 'Infra Sea Solutions' van DEME, waar de twee bedrijven internationale groeikansen krijgen.
GEKA heeft in de twee belangrijke Nederlandse havens een groot aantal maritieme werken uitgevoerd. Een ervan was een '2 in 1' steiger voor zowel zee- als binnenvaartschepen in de Rotterdamse Botlek. Dit originele project voor Rubis Terminal werd volledig ontworpen door de ingenieurs van GEKA. De onderneming voerde ook verscheidene werken op de Rotterdamse Maasvlakte uit, voor de dijkmuren van de terminal van LBBR en het dok van de groep SIF. Verscheidene privéklanten, zoals ETT, Damen Shiprepair en Chemtrade in Rotterdam, of ETA en Nustar in Amsterdam, hebben GEKA eveneens werken toevertrouwd. Een van de vele projecten voor de haven van Rotterdam was de bouw van de afmeerpalen P66 in de Botlek. Het contract voor het project Shtandart voor het Havenbedrijf Rotterdam werd echter geannuleerd. Ondanks de daling van
zijn omzet sloot GEKA het jaar 2015 af met een positief resultaat en begint het 2016 bij DEME met een al goed gevuld orderboek.
Na verscheidene erg drukke jaren ziet CFE Infra, het voormalige MBG Burgerlijke Bouwkunde, zijn omzet sinds 2013 voortdurend dalen. Het ging daarom op zoek naar vormen van synergie met DEME, dat net uitkeek naar competenties in de maritieme burgerlijke bouwkunde. De synergie kreeg in januari 2016 gestalte toen DEME het personeel van CFE Infra overnam. Men hoopt dat verscheidene gunningsprocedures in 2016 een gunstige afloop zullen kennen. Daarnaast rekent het bedrijf op nieuwe opportuniteiten die de activiteiten zullen stimuleren, vooral op de internationale markt. In 2015 heeft CFE Infra het onderhoud van de spoorwegtunnel van de Diabolo (Zaventem) verzorgd, verder
gewerkt aan de parking en de bypass van het station van Mechelen en aan de renovatie van het waterzuiveringsstation Brussel-Zuid en van de Kennedytunnel in Antwerpen. In 2015 werden verscheidene projecten opgeleverd: de bouw van tanks voor Oil-Tanking in Antwerpen, de parking van het Gasthuisberg-ziekenhuis in Leuven en de renovatie van een brug in Machelen voor Tuc Rail.
BAGECI werkte verder aan zijn lopende contracten, onder meer voor het zuiveringsstation van Welkenraedt en het pompstation in Jemeppe (Luik). Deze werken zullen in 2016 worden opgeleverd. De stuwdam van Kain zal in 2018 worden voltooid.
In Oman, werd de concessie voor de haven van Duqm in juli 2015 officieel goedgekeurd door Zijne Majesteit de Sultan.
De pool PPS werd ingrijpend geherorganiseerd. Om de algemene kosten te beperken, werd het operationele team sterk ingekrompen. Vier grote projecten verkeren in de onderhoudsfase: 2 infrastructuurprojecten (de spoorverbinding van Liefkenshoek in Antwerpen en de wegentunnel Coentunnel in Amsterdam), en 2 gebouwen (de scholen van Eupen en het politiegebouw van Charleroi). Ze stellen de activiteit PPS-Concessies in staat om in samenwerking met het filiaal be.Maintenance haar ervaring in het domein van het onderhoud op lange termijn, met inbegrip van de Life Cycle, te consolideren.
In 2016 wil de pool het onderhoud van de verschillende projecten optimaliseren en op kruissnelheid komen, na de overgang van de bouwfase naar de onderhoudsfase.
Algemeen beschouwd zijn 2015 en 2016 twee overgangsjaren en verwacht men vanaf 2017 een beduidende verbetering van de rentabiliteit.
In het adviesdomein werden verscheidene opdrachten ondernomen voor klanten in het Midden-Oosten, meer bepaald in Qatar en Oman. Ze zullen in 2016 worden voltooid. Ze hebben voornamelijk betrekking op de haalbaarheid, het ontwerp, de exploitatie en de optimalisatie van het laden/lossen van gas, vloeistoffen en bulkmaterialen (cement, aggregaten, steenkool en ijzererts).
Vanaf het midden van 2015 werden verscheidene nieuwe offertes voor havenadvies ingediend bij klanten in Nigeria, Gabon, Namibië, Koeweit en Qatar.
Deze activiteit kende een mooi succes: in Oman werd de concessie voor de haven van Duqm in juli 2015 officieel goedgekeurd door Zijne Majesteit de Sultan. De concessie werd toegekend aan P.D.C., een gezamenlijk filiaal van de regering van Oman en het Consortium Antwerp Port, een geïntegreerde joint venture van Rent-A-Port en de Haven van Antwerpen. Het contract voor het vruchtgebruik van de uitrusting en de exploitatie van de industrieterreinen werd in september 2015 bevestigd.
In Vietnam werd eind 2014 een totale oppervlakte van 2.000 hectare industrieterreinen, met aangrenzende terminals en steigers, in verscheidene concessies van 50 jaar toegewezen aan I.A.I. (Infra Asia Investment), een gezamenlijk filiaal van Rent-A-Port, BMI (Belgische overheid) en financiële partners. Het project zal vanaf het midden van 2017 volledig operationeel worden, wanneer de beschermingsdijk van Nam Dinh Vu, de brug naar Lach Huyen en de twee eerste haventerminals voltooid zijn. Nadat deze drie mijlpalen in 2017 bereikt zijn, zullen de concessies in Vietnam een aanzienlijke bijdrage leveren aan de resultaten van Rent-A-Port.
Rent-A-Port Energy beheert een participatie in drie Belgische offshorewindparken en concentreert zich op verscheidene projecten voor de opslag van elektriciteit door middel van een dubbele techniek: een pomp-turbine, gekoppeld aan krachtige batterijen.
De twee eerste projecten worden gerealiseerd in Luxemburg (België) en in Oman, in de omgeving van de haven van Duqm. In Vietnam gunde de provincie Quang Ninh in oktober 2015 Rent-A-Port Energy een contract voor een haalbaarheidsstudie met een evaluatie van de methodes en de vereiste budgetten voor de sanering van de prestigieuze baai van Halong in het noorden van Vietnam. Het drijvende afval moet worden verzameld, aan land gebracht en omgezet in energie. Deze transformatie van afval in energie (Waste to Energy) zou kunnen uitmonden in een concessie voor 10 jaar. Dit contract en de eerste opgestelde rapporten wekken de belangstelling van verscheidene internationale entiteiten (en trekken hun fondsen aan).
DEME werd in oktober 2015 uitgeroepen tot 'Onderneming van het jaar' als beloning voor haar geslaagde streven naar uitmuntendheid. Dat streven komt concreet tot uiting in haar strategie voor continue operationele verbetering, haar op teamgeest en interne synergie gebaseerde bedrijfscultuur en haar voortdurend zoeken naar innoverende oplossingen. De resultaten spreken voor zich: in 2015 boekte DEME een omzet van 2,35 miljard euro en steeg de EBITDA met 23,8% tegenover het jaar voordien! De onderneming heeft overigens ongeveer 373 miljoen euro geïnvesteerd in de vernieuwing en uitbreiding van haar vloot. Het orderboek blijft op een hoog niveau, dankzij de ondertekening van een groot aantal nieuwe contracten voor verschillende activiteiten wereldwijd. De eerste bekommernis van DEME blijft echter het welzijn en de gezondheid van haar medewerkers. De onderneming blijft zich dan ook inspannen om het doel van 'nul ongevallen' te bereiken en zal de veiligheidscampagne 'CHILD' een nieuwe impuls geven.
2015 was het jaar van de realisatie en/of succesvolle voltooiing van verscheidene grote werven, onder meer in Australië (project Wheatstone LNG), Qatar (haven van Doha) en Egypte (Suezkanaal). In Singapore verwierf DEME een belangrijk nieuw contract, dat samen met de lopende projecten tot in minstens 2020 een hoog activiteitsniveau zal verzekeren.
2015 was ook een goed jaar op het Indiase subcontinent en het beste tot nu toe in Afrika. Er werden bovendien meerdere grote baggercontracten ondertekend in Egypte, Panama en Turkije.
Het voorbije jaar was opnieuw zeer druk in de sector van de offshore hernieuwbare energie, en 2016 en 2017 zouden dat ook moeten zijn. DEME is onder meer actief in de meeste Europese landen die een beroep doen op offshorewindenergie. Daarnaast spelen de milieu-entiteiten van DEME een steeds proactievere rol in saneringsprojecten.
De activiteiten van DEME Concessions, die rechtstreeks bijdragen aan de ontwikkeling van synergieën binnen de groep, maken met name dankzij publiek private samenwerkingen, de realisatie van essentiële infrastructuurprojecten op zee en van projecten voor hernieuwbare energie mogelijk. In dit opzicht heeft GSR, een filiaal van DEME Concessions, een tweede exploratie van de zeebodem in de Stille Oceaan uitgevoerd en blijft het innoverende technieken ontwikkelen voor de duurzame zeeontginning van grondstoffen. Innovatie ten dienste van de milieubescherming maakt meer dan ooit deel uit van de visie van DEME.
In 2016 zal DEME blijven investeren in de uitbreiding van haar vloot en de expansie van haar 'dredging-plus' activiteiten. Daarnaast dienen nieuwe opportuniteiten zich aan in de offshore-energie, de maritieme burgerlijke bouwkunde en de maritieme concessies.
Alain Bernard Chief Executive Officer
Wim Biesemans Chief Executive Officer DEME Concessions
Lucas Bols General Manager Tideway
Philip Hermans Area Director Asia and Oceania,
General Manager Dredging International
Chief Legal Officer
Human Resources Manager
Pierre Potvliege Area Director Indian Subcontinent
Eric Tancré Area Director North Europe
Luc Vandenbulcke Deputy Chief Operating Officer Managing Director GeoSea
Jaarverslag 2015 30
Hugo Bouvy General Manager Tideway
Area Director Mediterranean, South and Middle Americas
Area Director Africa Chief QHSE-S & Communications Officer
Martin Ockier Area Director Benelux
Bernard Paquot Area Director Middle East
Area Director Eastern Europe and Russia Managing Director Ecoterres Holding
Theo Van De Kerckhove Chief Operating Officer
Bart Verboomen Director Technical Department
Chief Financial Officer
bije winter op de zeedijkpromenade blik zeker gevallen zijn op de twee
Mersin is een grote stad met ruim 843.000 inwoners in het zuiden van Turkije. De haven van Mersin is de grootste van het land en tegelijkertijd Turkijes belangrijkste poort tot de Middellandse Zee. Ze vervult dan ook een belangrijke rol in de regionale economie. Mersin heeft terminals voor olie, massagoederen (bulk cargo), containers en roll-on-roll-off om snel vrachtwagens over zee te vervoeren.
Om in de toekomst meer en grotere schepen te kunnen ontvangen, wordt de containerterminal momenteel uitgebreid. Een opdracht die DEME kreeg toegewezen. Tot half april werkt het baggerbedrijf er aan een vlotte bereikbaarheid door het verbreden en uitdiepen van zowel de vaargeul, de zwaaikom als het dok zelf. De vaarroute naar de haven wordt niet alleen uitgediept, maar ook over zijn as verschoven. "Best ingrijpende werken voor Mersin International Port (MIP)", zegt Filip. Hij is Project Manager en eindverantwoordelijke voor deze opdracht. Filip leidt niet alleen het team van DEME ter plaatse, maar hij vertegenwoordigt er ook het bedrijf. Niet alleen bij de klant, maar ook naar derde partijen toe.
Er wordt hard gewerkt om alles op tijd klaar te krijgen. Het personeel draait lange werkdagen van twaalf uur, en dat op drukke momenten zeven dagen aan een stuk volgens voor de bemanning een systeem van zes weken op en zes weken af. Stafleden blijven twee maanden achtereen op de werf en zijn dan een maand thuis. De eerste maanden waren er verspreid over de werfvloot een projectmanagementteam van twaalf tot vijftien man en een 75-koppige bemanning aan de slag. Nadat de cutterzuiger Amazone in februari klaar was met haar taak werd de mankracht afgebouwd naar acht staf- en veertig bemanningsleden.
Jaarverslag 2015 34
Terwijl DEME bezig is de toegang tot MIP te verbeteren, gaat alle bedrijvigheid in de haven gewoon door. Dat is een uitdaging. Het is een zeer drukke haven, dus moet het verkeer in overleg met de klant zorgvuldig van en naar de haven geleid worden. Gezien er echter
niet veel mensen goed Engels spreken, is er iemand in het team die zowel Turks, Nederlands als Engels kan spreken.
Werken in Turkije is ook op administratief vlak een speciale ervaring. Het land beschermt op heel extreme wijze haar eigen werkgelegenheid. Zo is er om te beginnen een zeer strenge cabotagewet waardoor het praktisch bijna onmogelijk wordt om met buitenlandse schepen in Turkije te werken. Dat kan alleen als je van de regering een uitzondering krijgt, of via een omslachtige en tijdrovende omvlaggingsprocedure die dan nog stelt dat je je eigen bemanning buitenspel zet.
Gezien er echter niet veel mensen goed Engels spreken, is er iemand in het team die zowel Turks, Nederlands als Engels kan spreken.
Operationeel zijn er ook genoeg uitdagingen. De haven van Mersin heeft een kleiige ondergrond. Dit gaat van stijve tot zeer stijve en harde klei. Filip: "De hardste klei flirt met zachte rots. Door de hardheid van die harde klei onderin kan de sleephopper Uilenspiegel niet al het volume zelf in één keer baggeren. Daarom hebben we bijkomend een cutterzuiger gemobiliseerd die de harde kleien breekt: de Amazone."
| Filip Baggerwerken |
|
|---|---|
| Leeftijd | 38 jaar |
| Functie | Project Manager bij baggerbedrijf DEME |
Motto 'Le monde est notre bac à sable'
Hoewel Mersin op amper 150 kilometer van de Syrische grens ligt merken de mannen van DEME weinig van de hevige oorlog die er woedt. Filip: "Je weet dat je dichtbij de conflictzone zit en dat je bijkomend in een islamitisch land zit. Daar wordt de nodige aandacht aan besteed. Het gaat dan onder meer om het gedrag van onze mensen in het publiek. Niet te high profile en drukke plaatsen of tumult mijden is de boodschap. Met dat in het achterhoofd valt het hier best mee. Turkije en Mersin op zich zijn voorzien van al het nodige en beschikken over goed functionerende infrastructuur. Je kunt gerust stellen dat het een moderne stad is."
Het internationale karakter en de afwisseling is volgens Filip het fijne aan het werken bij DEME. Je hebt de mogelijkheid om de wereld rond te reizen. Bovendien werk je bij elke opdracht met andere mensen en is elk project waaraan je werkt anders. "Deze job is allesbehalve routine", stelt Filip. "'s Morgens weet je niet welke verrassing de dag voor jou in petto kan hebben. Bovendien kom je in contact met veel verschillende mensen
en culturen. Dat maakt dat je relatie met die mensen al snel veel meer diepgang krijgt dan bij een toeristische passage. 'Le monde est notre bac à sable' zei ik wel eens toen ik een Franstalige omgeving werkte en de mensen me vroegen waar ik naartoe zou gaan na het project. En zo voelt het soms ook."
Doordat je ook een deel van je tijd naast het werk met je collega's doorbrengt, ken je ze persoonlijker dan normaal het geval zou zijn. Dat doet me denken aan de tijd dat ik op internaat zat.
Jaarverslag 2015 38
De snijkopzuiger zuiger 'D'Artagnan' werd ingezet voor het baggeren van 2,5 miljoen m³ in het toegangskanaal van de nieuwe zeesluis van Kieldrecht, op de linkeroever van de Antwerpse Haven
2015 werd gekenmerkt door verscheidene langdurige baggercontracten in uitvoering, naast een intense aanbestedingsactiviteit.
op haar laagste punt tot op -19 m uitgebaggerd, zodat grote schepen toegang krijgen tot de haven. De backhoe dredger 'Peter the Great' en de kraanponton 'De Bever' werden eveneens ingezet. De werken zijn in 2015 begonnen en zullen in februari 2016 eindigen.
In de Antwerpse haven hebben Dredging International (DI) en DEME Environmental Contractors (DEC), allebei filialen van DEME, in het kader van een contract van 15 jaar de exploitatie voortgezet van AMORAS, de grootste mechanische ontwateringsinstallatie voor baggerslib in Europa. Nadat de installatie in 2015 voor verscheidene miljoenen euro's werd gemoderniseerd, kan ze nu zowel zandslib als leemslib behandelen. Ze is nu geschikt voor baggerspecie die tot 50% zand bevat.
In Nederland werd 2015 gekenmerkt door de voortzetting van de werken voor kustbescherming, met het 290 ha grote project Waterdunen in Breskens. DEME heeft de dijken tegen de stijgende zeespiegel versterkt, met saneringswerken en het opspuiten van stranden met 1 miljoen m³. De nieuwe zone zal als een natuur- en recreatiegebied worden ontwikkeld (vogelhabitat en centrum voor ecotoerisme). DEME heeft voor dit grootschalige project, dat begin 2016 zal worden voltooid, bijna 50 grondwerkmachines ingezet.
De Vries & van de Wiel (DVW), het Nederlandse filiaal van DEME, heeft een tulpvormige archipel aangelegd voor de
2015 werd gekenmerkt door verscheidene langdurige baggercontracten in uitvoering, naast een intense aanbestedingsactiviteit. In de Benelux en elders doen klanten steeds vaker een beroep op DEME voor een volledig geheel van oplossingen. DEME is ervan overtuigd dat zijn competenties en capaciteiten het bedrijf in een sterke positie zullen plaatsen om in de volgende jaren met succes deze meer complexe projecten aan te pakken.
In België werden de baggercontracten in de haven van Zeebrugge en in de plezierhavens van Oostende, Blankenberge en Zeebrugge voortgezet. In januari 2015 werd een nieuw contract van vijf jaar voor onderhoudsbaggerwerken op de Schelde in de wacht gesleept. De snijkopzuiger 'D'Artagnan' werd ingezet voor het baggeren van 2,5 miljoen m³ in het toegangskanaal van de nieuwe zeesluis van Kieldrecht, op de linkeroever van de Antwerpse Haven. DEME heeft de sluis
gemeente Zeewolde. Die unieke nieuwe terrein bevindt zich in de Wolderwijd, een ondiep meer in het centrum van Nederland. De 'stengel' van de tulp bestaat uit drie langwerpige eilanden. Ze zullen een natuurlijke habitat voor de wilde fauna vormen. Een dam van 200 meter verbindt het eiland met het vasteland.
DEME is voor ongeveer de helft gevorderd in de campagne voor de verbreding en verdieping van het 23 km lange Julianakanaal in Nederland. De 'Mattedoor', de innovatieve nieuwe ponton van DEME, die speciaal ontworpen is voor het leggen van een matras van bentoniet in het kader van het project Julianakanaal, is in september 2015 van start gegaan en zal in 2016 en 2017 verder werken.
In de haven van Rotterdam heeft de Vries & van de Wiel de steiger van de Rubis Terminal vervangen door een nieuwe steiger die zowel zee- als binnenvaartschepen kan ontvangen. Het project omvatte de aanleg van een nieuwe dijk, baggerwerken en de erosiebescherming. DIMCO bv (vroeger GEKA BOUW en CFE Nederland), het nieuwe bedrijf voor maritieme infrastructuur van DEME, was belast met het ontwerp en de bouw van de steiger.
Een tweede project in de haven van Rotterdam was het baggeren van de
In Breskens versterkte DEME de dijken tegen de stijgende zeespiegel.
'Donauhaven'. Aangezien de werken aan de Rubis-steiger in twee fasen moesten worden uitgevoerd, kon het baggeren van de Donauhaven tussen de twee fasen worden ingevoegd. Deze twee projecten werden in 2015 uitgevoerd.
In de regio Noord-Europa en vooral in Frankrijk, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk, kende DEME een bevredigend activiteitsniveau. De meest spectaculaire projecten van DEME in deze zone lagen op La Réunion, een eilandregio van Frankrijk.
In Duitsland werd Nordsee Nassbaggerund Tiefbau (Nordsee) in 2015 geconfronteerd met een verzwakte Duitse baggersector, als gevolg van het uitstel van of gerechtelijk acties tegen geplande projecten.
Nordsee Nassbagger- und Tiefbau (Nordsee) verkreeg een onderhoudscontract van twee jaar voor hoppersleepzuigers op de Weser (Noordzee – Bremerhaven – Brake). De contracten voor onderhoud met waterinjectie op de Elbe (Hamburg – Cuxhaven) en op het Kielerkanaal (Nord-Ostsee-Kanal) werden allebei met een jaar verlengd.
In het Verenigd Koninkrijk was 2015 in veel opzichten een overgangsjaar. De afronding van de grote werken aan de London Gateway betekende het einde van dit grote project, dat de activiteiten van DEME in het Verenigd Koninkrijk sinds 2009 had gedomineerd. Het Britse team kon echter verscheidene opdrachten in de wacht slepen voor baggerprojecten in havens en estuaria van de Britse eilanden. De onderhoudsbaggerwerken in Belfast begonnen in december 2015. DEME's polyvalente baggerschip 'Marieke' van 5.000 m³ voerde onderhoudsbaggerwerken uit in het toegangskanaal, op de ankerplaatsen en aan de kaden van de
Middellandse Zee
haven van Belfast, tot volledige tevredenheid van de klant. Met het project Medway Access Channel consolideerde DEME zijn langdurige aanwezigheid in het estuarium van de Thames.
In Frankrijk voerde DEME onderhoudsbaggerwerken uit in Bayonne en Gravelines. Op de Gironde werd in opdracht van de Grand Port Maritime de Bordeaux een baggercampagne met waterinjectie uitgevoerd. Nog altijd in Frankrijk werd het contract voor baggerwerken, landwinning en de sanering van vervuilde sedimenten voor de Grand Port Maritime de Dunkerque met succes voltooid. De baggercampagne voor de derde fase vond plaats in oktober 2015.
De meest spectaculaire projecten van DEME in deze zone lagen op La Réunion, een eilandregio van Frankrijk. Ze omvatten de uitbreiding van de Port Est en twee contracten voor de bouw van de 'Nouvelle Route du Littoral', een op de zee gewonnen kustweg van 13 km. De uitbreiding van de Port Est en de baggeren steenbestortingswerken ter hoogte van de hoofddijk, voor de aanleg van de 'Nouvelle Route du Littoral', werden in 2015 met succes afgerond. In het eerste kwartaal van 2016 begon DEME aan de uitvoering van het derde project, namelijk het contract voor baggerwerken, het storten van een grindbed en het opspuiten van zand voor de 48 gravitaire funderingen van een 5,4 km lang viaduct in zee.
Het geheel van de Middellandse Zee werd door de economische crisis getroffen. Vooral op de traditionele markten van DEME, zoals Italië, bleef de activiteit onder haar normale peil. Ondanks de economische vertraging kende DEME een uiterst druk jaar, dankzij het historische project voor de uitbreiding van het Suezkanaal en een bijkomend contract voor het baggeren van het oostelijke toegangskanaal van Port Said.
Het project van het nieuwe Suezkanaal werd met succes en met een voorsprong op de planning voltooid. Een consortium van Dredging International (DI), een bedrijf van de groep DEME, en Great Lakes Dredge & Dock Company verkreeg in oktober 2014 het zeer prestigieuze contract Suezkanaal perceel 6. De Suez Canal Authority belastte het consortium (waarin DI een aandeel van 75% hield) met de verdieping en verbreding van de westelijke tak van het kanaal, om de
doorgang van de grootste schepen ter wereld te vergemakkelijken.
Het project Suezkanaal startte onmiddellijk na de toekenning van het contract in 2014 en draaide vanaf begin 2015 op volle toeren. Er werd meteen onder druk gewerkt, want het consortium moest de uitbreiding van het Suezkanaal met een zeer krappe deadline van slechts 10 maanden rond krijgen. Het project werd met een goede voorsprong op de planning afgewerkt. Ongeveer 40 miljoen m³ werd gebaggerd. Op 6 augustus 2015 werd het Nieuwe Suezkanaal geopend.
Het consortium verkreeg in oktober 2015 een tweede contract van de Suez Canal Authority voor het baggeren van het oostelijke toegangskanaal van Port Said. Een zijkanaal van 9,5 km lang, 250 m breed en 18,5 m diep zal toegang geven tot het oostelijke deel van de haven van Port Said. Port Said is een van de belangrijkste Egyptische havens aan de Middellandse Zee. Dankzij het nieuwe oostelijke zijkanaal zullen schepen die naar of van Port Said varen de maritieme konvooien op het Suezkanaal niet langer hinderen. Voor dit contract worden de twee mega-sleephopperzuigers 'Nile River' en 'Congo River' van DEME ingezet. Begin 2016 verliepen de werken normaal. Men verwacht dat ze met een goede voorsprong op de kalender zullen worden voltooid.
Mersin Port International Management Inc. heeft DEME een belangrijk project in het zuiden van Turkije toegewezen voor de verbreding en verdieping van het toegangskanaal, de zwaaikom alsook het bekken en het toegangskanaal tot de aanlegplaats. De containerterminal van de internationale haven van Mersin wordt momenteel uitgebreid. De haven zal zo meer en grotere schepen met een grotere diepgang ontvangen. Mersin Port International Management Inc. is een samenwerking tussen de havenautoriteit van Singapore en Akfen, een Turkse holding voor infrastructuurinvesteringen. De sleephopperzuiger 'Uilenspiegel' en de cutterzuiger 'Amazone' werden hier ingezet. In dit project, dat begin 2016 eindigde, werd ongeveer 4 miljoen m³ gebaggerd.
In Algerije heeft DEME onderhoudsbaggerwerken in de haven van Annaba uitgevoerd. Op het einde van het jaar verkreeg DEME een contract in Jijel, als onderaannemer van Meditram.
De werken werden in december met een baggerschip met grijper aangevat.
Gelet op de geopolitieke toestand, de wereldwijde economische recessie en de lage olieprijs is de gigantische en veelbelovende Russische markt een echte uitdaging geworden. Anderzijds plant Rusland een groot aantal infrastructuurwerken en behoudt het een enorm ontwikkelingspotentieel.
Dankzij een belangrijk contract van vier jaar in Sabetta, op het schiereiland Yamal, heeft Mordraga, het Russische filiaal van DEME, een grote vloot schepen van DEME de hele zomer lang werk bezorgd. Een ander strategisch belangrijk project, voor Yamal LNG, heeft Mordraga in staat gesteld zijn aanwezigheid in Rusland te versterken.
Het contract van dit jaar omvatte de verbreding en verdieping van een zeekanaal in de rivier Ob en de verdieping van het toegangskanaal en het havenbekken voor de nieuwe LNG-terminal in Sabetta. Begin 2015 verkreeg Mordraga een tweede contract in Sabetta als Russische algemene aannemer in directe opdracht van de privépromotor YAMAL LNG.
De werken omvatten de baggerwerken voor de aanleg van twee nieuwe ankerplaatsen en de uitbreiding van de bestaande ankerplaats 1.
Mordraga heeft in november met succes een project voor onderhoudsbaggerwerken in Sint-Petersburg voltooid. Het project werd in het derde kwartaal van 2015 uitgevoerd in de Bolshoy Port Sankt-Peterburg. De werken bestonden uit het baggeren van het toegangskanaal voorbij de overstromingsbarrière in Kronstadt, op een vak van meer dan 10 km. Ze werden uitgevoerd met de sleephopperzuiger 'Lange Wapper', die net het project in Sabetta achter de rug had.
Net als de andere delen van de wereld kende Azië in 2015 een zwakke economische groei. De lage olieprijzen hebben deze trend versterkt en het investeringsniveau in maritieme infrastructuur doen dalen.
Dredging International Asia Pacific (DIAP), het plaatselijke filiaal van DEME, ging echter in tegen de algemene trend in Azië door in Singapore een gigantisch project in de wacht te slepen:
Tuas Terminal Fase 1. Samen met de voortzetting van het huidige project voor de westelijke uitbreiding van het eiland Jurong zal dit contract tot in minstens 2020 een hoog activiteitsniveau in Singapore verzekeren.
Dankzij deze projecten bevestigt DIAP bovendien zijn positie als marktleider in landwinning, een zeer complexe discipline die in heel Azië meer en meer haar nut bewijst, aangezien de beschikbaarheid van zand voor landwinning er beperkt is. Daarnaast verplichten de milieureglementeringen vaak het hergebruik van al het gebaggerde materiaal op de plaats van de landwinning.
In februari 2015 verkreeg Dredging International Asia Pacific (DIAP), het plaatselijke filiaal van DEME, het project Terminal Tuas – Fase 1 (TTP1) in het kader van een joint venture met het Zuid-Koreaanse Daelim Industrial. Dit grootschalige project in opdracht van het bestuur van de zeehaven van Singapore (Maritime Port Authority – MPA), dat in 2021 voltooid moet zijn, omvat de bouw van een gloednieuw logistiek centrum. Het project voor de verlenging naar het westen van het eiland Jurong (Jurong Island Westware Extension – JIWE) verloopt volgens plan en zal in 2018 voltooid zijn. Het omvat een landwinning
DEME bevestigt zijn positie als marktleider in landwinning, een zeer complexe discipline die in heel Azië meer en meer haar nut bewijst.
Azië
van ongeveer 38 miljoen m3 voor het petrochemisch centrum van Singapore op het eiland Jurong, in opdracht van de grootste eigenaar van Singapore, de Jurong Town Corporation (JTC).
In Papoea-Nieuw-Guinea heeft OK Tedi Mining Ltd. (OTML) een langlopend contract met DEME voor de verwijdering van mijnsedimenten uit de benedenloop van de rivier Ok Tedi met vijf jaar verlengd. De belangrijkste doelstellingen van het baggerproject op de benedenloop van de Ok Tedi zijn de beperking van de hoogwaterstanden, door het niveau van de rivierbedding te verlagen, en de
bestrijding van het verval van de stroomafwaartse overstromingsvlakte, door een vak van de rivier te baggeren in Bige, op ongeveer 100 km van de mijn. In 1997 heeft OTML dit project toevertrouwd aan CDS Cap Martin, een onderdeel van de groep DEME. Het programma heeft positieve resultaten op lange termijn opgeleverd, met name een opmerkelijke verbetering in het hydrografische net stroomafwaarts van Bige, dat ecologisch bijzonder gevoelig is.
DEME kent sinds 1974 een vrijwel ononderbroken activiteit in Australië en wil zijn rijke plaatselijke kennis en ervaring ten volle benutten wanneer de Australische economie weer vaart krijgt.
De macro-economische vooruitzichten van Australië voorspellen een sterke jarenlange terugval van de investeringen in haveninfrastructuur. Dredging International Australia (DIAU) zal echter alle kansen die zich voordoen en met name de uitgestelde projecten verder bestuderen.
Dredging International Australia (DIAU), het plaatselijke filiaal van DEME, heeft de baggerwerken voltooid voor de Wheatstone LNG-installaties voor Chevron in Onslow, gelegen in het westen van Australië. DIAU verzorgde als onderaannemer van Bechtel (EPCM) de maritieme baggerwerken. Dit omvatte het baggeren van een volume van 27 miljoen m³.
De werken vonden plaats in een ecologisch gevoelige zone en waren dus onderworpen aan strenge milieueisen. Ondanks deze strakke controles werd het project met een jaar voorsprong op de planning voltooid, een bewijs dat DEME in staat is om zeer grote baggerprojecten te ondernemen zonder de mariene ecologie in de omgeving te schaden.
Jaarverslag 2015 44
Het chronische gebrek aan moderne infrastructuur in veel Afrikaanse landen en de vraag van de olie- en gasindustrie die aan de huidige crisis voorafging, hebben DEME een ongeziene activiteit opgeleverd op dit continent. Alle of bijna alle havens worden gemoderniseerd, verdiept of vergroot.
DEME werkt mee aan een historisch project in Nigeria: de prestigieuze ontwikkeling EKO Atlantic City in Lagos, het 'Manhattan van Afrika'. Dit is het grootste landwinningsproject ooit op Afrikaanse bodem.
Begin 2015 sleepte DEME de drie laatste fasen van het project Atlantic City in de wacht. In het kader van de fasen 1 en 2 werd ongeveer 500 hectare (50 miljoen m³ zand) gewonnen en kon de bouw onmiddellijk van start gaan. Fase 3 begon in juni met het baggerschip 'Breughel' en verloopt volgens plan.
Een ander belangrijk langlopend contract in Nigeria wordt uitgevoerd via een PPS-akkoord in het kader van de Bonny Channel Company (BCC), een joint venture met de nationale
Dredging International Australia (DIAU), het plaatselijke filiaal van DEME, heeft de LNG-installaties van Wheatstone in Onslow,
havenautoriteit. In 2015 werden jaarlijkse baggerwerken uitgevoerd om de blijvende toegankelijkheid van het kanaal naar de LNG-terminal van Bonny en de havens van Onne en Port Harcourt te verzekeren. Onne is een van de grootste petroleumhavens ter wereld, eigendom van en uitgebaat door Intels.
Het jack-up platform 'Vagant' van GeoSea, een filiaal van DEME, is eveneens in de regio actief. NLNG deed in 2015 een beroep op dit platform voor de revisie van de laadarmen van de terminal voor gasexport op Bonny Island.
Eind 2015 verkreeg BCC bovendien een langlopend contract voor haven- en sleepdiensten, uitbesteed aan CTOW. BCC zal dus op de Bonny River een integrale oplossing leveren voor het baggeren, het slepen, de berging van wrakken, de navigatie en de hefdiensten.
In Cotonou (Benin) werden de werken voor de verdieping voor de uitbreiding van de haven en het toegangskanaal voltooid. In Lomé (Togo) heeft DEME een belangrijk baggercontract van 6 miljoen m³ uitgevoerd voor de uitbreiding van de containerterminal van TIL (MSC). In Abidjan (Ivoorkust) hebben DEME en een consortium van Sogea Satom en EMCC de bouw van een nieuw vissershaven afgerond.
In Ghana werden de werken voor kustbescherming in Ada, met de aanleg van speciaal ontworpen onderzeese golfbrekers, in augustus met succes voltooid. Dit project illustreert het vermogen van DEME om oplossingen voor mondiale uitdagingen aan te dragen. Dankzij het innoverende concept van de golfbrekers, dat intern werd ontwikkeld, kon men de gebruikte hoeveelheid stenen en dus ook het materiaaltransport beduidend beperken. Het resultaat is een goedkopere methode en een meer ecologische oplossing. In april voltooide DEME zijn campagne van onderhoudsbaggerwerken in Conakry (Guinee). In juni verkregen DEME en zijn partner een verlenging met drie jaar van het bestaande contract voor onderhoudsbaggerwerken in het toegangskanaal van de LNG-exportterminal van Sonangol, in Angola.
DEME heeft een enorme ervaring en een sterke aanwezigheid in het Midden-Oosten, met kantoren in verscheidene landen van de Golf, namelijk Qatar, de Verenigde Arabische Emiraten, Saoedi-Arabië en Bahrein. Hoewel de tijden moeilijker zijn en de onderneming een
DEME heeft in het afgelopen decennium onafgebroken aan een groot aantal prestigieuze projecten in heel het Midden-Oosten gewerkt.
Midden-Oosten
harde concurrentie verwacht, zal DEME zijn potentiële klanten kunnen overtuigen van de omvang en het innoverende karakter van zijn capaciteiten.
Twee enorme projecten overheersten de portefeuille van DEME in 2015. Het New Port Project in Doha, Qatar, werd in 2015 nagenoeg voltooid, zodat in december 2015 de eerste commerciële schepen de haven konden binnenvaren. Dit ambitieuze project, dat in maart 2012 werd toegewezen aan MEDCO, de partner van DEME in Qatar, omvatte het baggeren van de vaargeul en de landwinning voor de economische zone en voor een eiland waar de nieuwe marinebasis komt.
Een snelle oplevering was essentieel, want de 'New Port' was dringend nodig als vervanging voor de bestaande haven in het hart van de stad Doha, die te klein geworden was en niet opgewassen zou zijn tegen de exponentiële toename van het scheepvaartverkeer die men verwacht tegen 2020, het jaar van de FIFA Wereldcup.
Met een voorsprong van verscheidene maanden op de oorspronkelijke planning voerde het eerste schip in augustus 2015 de kranen voor de containerterminal aan. Het commerciële verkeer kon in december beginnen. De nieuwe haven werd in januari 2016 officieel opgeleverd.
De impact van het historische project van de uitbreiding van het Panamakanaal wordt in heel Latijns-Amerika gevoeld, terwijl veel havens zich voorbereiden om post-Panamax schepen te ontvangen.
Het andere grote project dat in 2015 in de regio werd gestart was het vastgoedproject 'La Mer' van Meraas Development, in Dubai. Deze op de zee gewonnen zone van 2,9 miljoen m² krijgt een gemengde bestemming. Ze zal prestigieuze wijken ontvangen voor residentieel, commercieel en recreatief gebruik. Ze ligt grotendeels op de drie schiereilanden die door DEME werden aangelegd vóór de kust van Jumeirah in Dubai. Men verwacht de voltooiing van het project in het midden van mei 2016.
Jaarverslag 2015 46
Olie en rijke bodemschatten liggen aan de basis van de Latijns-Amerikaanse economie, en het lijdt geen twijfel dat de problemen van deze sectoren in veel landen repercussies hebben. Toch is er
Latijns-Amerika
ook een positief gegeven: de impact van het historische project van de uitbreiding van het Panamakanaal wordt in heel Latijns-Amerika gevoeld, terwijl veel havens zich voorbereiden om post-Panamax schepen te ontvangen.
Het belangrijkste baggerproject dat in 2015 ten einde liep was dat van Porto Sudeste in Brazilië. DEME heeft er de zwaaikom en het toegangskanaal van Sepetiba Bay gebaggerd. Dit was goed voor ongeveer 3,5 miljoen m³ slib en leem. Men moest ook harde grond verwijderen. DEME heeft 80.000 m³ rotsen geboord en gedynamiteerd.
De jaarlijkse campagne van onderhoudsbaggerwerken in de haven van Tubarão
de Vale werd een succes dankzij de inzet van het baggerschip 'Reynaert', dat vervolgens in de baai van Sepetiba voor ThyssenKrupp aan het werk ging. Ondanks de grote vaarafstanden, de technische transferproblemen en de strenge milieuregels werd het project kort vóór Kerstmis met een voorsprong op de kalender opgeleverd.
DEME verkreeg het project Rio Grande in een joint venture. Het baggerschip 'Pearl River' zal vanaf maart 2016 worden ingezet. Het geheel van het project, met onderhoudsbaggerwerken voor de binnenste en buitenste vaargeul van de Rio Grande, zou 11 maanden duren.
DEME is naar Panama teruggekeerd om aan het historische project van het Panamakanaal te werken. Het zal in dit kader het toegangskanaal tot de Stille Oceaan verbreden en verdiepen. De werken gingen in maart 2016 van start en zouden 12 maanden moeten duren.
DEME heeft hier reeds gewerkt tussen 2009 en 2012. De bestaande zuidelijke toegang tot de 'Bridge of the Americas' zal aan weerszijden met 37 m worden verbreed, naar een totale breedte van 300 m over een afstand van 7 km.
Met zijn enorme bevolking van 1,26 miljard mensen en zijn economie van 2 biljoen dollar kent India momenteel de sterkste groei van alle BRIClanden. Naarmate de welvaart van de bevolking en de vraag naar consumptiegoederen toenemen, ontstaan nieuwe perspectieven.
2015 was een goed jaar voor DEME in de regio, vooral voor de projecten voor havenuitbreidingen in India. International Seaport Dredging (ISD), het Indiase filiaal van DEME, noteerde in 2015 een recordomzet. Dit ondanks de felle concurrentie op de markt vanwege zowel plaatselijke als internationale spelers, en de voorkeursbehandeling die de Indiase overheid haar nationale baggerbedrijven geeft.
In januari keerde DEME terug naar de Malediven, na de toekenning van een contract voor de tweede fase van de landwinning op het eiland Hulhumalé. In 2002 had DEME de eerste fase van dit project voltooid, met landwinning- en kustbeschermingswerken. Fase II is goed voor 244 ha land, dat op termijn ongeveer 100.000 mensen zal ontvangen. De twee fasen zijn bedoeld voor de opvang van mensen van het overbevolkte eiland
ISD werkt voor het eerst in Mumbai, waar het deelneemt aan het prestigieuze project van de Jawaharlal Nehru-haven.
Malé, de hoofdstad, op minder dan twee kilometer van Hulhumalé. DEME heeft tot op een diepte van 50-60 m zand gebaggerd om het nieuwe land op te spuiten en de oppervlakte van het eiland te verdubbelen.
ISD heeft voor het eerst in Mumbai gewerkt. Het bedrijf heeft er de zwaaikom en de aanmeerzone van de vierde containerterminal van de Jawaharlal Nehru-haven gebaggerd en verdiept. De Jawaharlal Nehru-haven is de grootste containerhaven van India. De helft van alle containers wordt hier verscheept. Na haar voltooiing in 2017 zal de haven tweemaal meer containers kunnen verwerken dan in 2014. Het project werd in december 2015 met een voorsprong op de kalender afgewerkt.
Indisch subcontinent
In augustus werd een contract getekend voor het project van de haven van Kamarajar bij Chennai. Dit grootschalige project omvat baggerwerken voor een nieuwe containerterminal, twee aanlegplaatsen voor steenkool, een multicargoterminal en een zwaaikom. De voorbereiding van de site werd in december 2015 gehinderd door slechte weersomstandigheden, met uitzonderlijke hevige moessonregens en de ergste overstromingen sinds 100 jaar.
ISD voert ook een tweejarige campagne van onderhoudsbaggerwerken uit in de haven van Dhamra en heeft landwinningswerken voltooid in de haven van Kakinada.
Jaarverslag 2015 48
Innovation, het grootste hefvaartuig met grote tonnage ter wereld
2015 kan in zijn geheel worden beschouwd als een overgangsjaar naar EPCIM-contracten (Engineering, Procurement, Construction, Installation & Maintenance) of DBFM-contracten (Design, Build, Finance & Maintenance).
DEME krijgt meer en meer van deze contracten van het type 'balance of plant' toevertrouwd, bijvoorbeeld in de maritieme bouw en de offshorewerken. Het verzorgt dan alle aspecten van de ontwikkeling: project engineering, installatie en levering van de funderingen, installatie van de turbines, constructie en installatie van de substations, levering van de maritieme uitrustingen, ondersteunende werken en zelfs financiering en onderhoud.
Dredging International, Tideway en GeoSea, filialen van DEME, noteren een vergelijkbare toename van het totale aantal contracten voor integrale oplossingen. Ze werkten in 2015 in joint venture samen aan een groot aantal EPCIM-contracten.
DEME is actief in de meeste Europese landen die offshorewindenergie exploiteren.
DEME heeft in 2015 zijn aanwezigheid en vloot in Duitsland beduidend versterkt. In mei verwierf DEME officieel de activa en het personeel van zijn partner
Hochtief Solutions, met inbegrip van de Innovation, het grootste hefvaartuig met grote tonnage ter wereld. De Innovation werkt met succes en zonder onderbreking in de bijzonder belastende omgeving van de Baai van Helgoland.
Met zijn unieke eigenschappen en vooral zijn krachtige kraan van 1.500 ton, zijn hoogtechnologische hefsysteem en zijn laadvermogen tot 8.000 ton drukt dit vaartuig zijn stempel op de sector. De overige activa omvatten het hefvaartuig 'Thor' en 3 transportpontons met hoge weerstand, elk met een nuttig laadvermogen van 10.000 ton.
DEME heeft het transport- en installatiecontract (T&I) uitgevoerd voor de funderingen van de offshorewindparken Godewind in de baai van Helgoland, in opdracht van DONG Energy. Het contract omvatte de installatie van de monopaalfunderingen en hun transport tussen de fabrikant en de uitvalshaven Eemshaven. DEME heeft ook de werken voor de erosiebescherming voor dit project verzorgd. Nadat hij het project Godewind had voltooid, werd de Innovation klaargemaakt voor het project Nordsee One, voor RWE Innogy. DEME verzekert hier het transport en de installatie van de monopalen en verzorgt de erosiebescherming. De werken begonnen in december 2015 en zouden in april 2016 voltooid moeten zijn.
In februari 2015 werd het EPCI-contract voor de funderingen van het project Baltic2 voor EnBW Erneuerbare Energien GmbH na vier jaar afgerond.
De Britse markt wordt in grote mate bepaald door de veilingkalender van de 'Contracts for Difference' (CfD). De veilingen verliepen gunstig voor DEME, dat aan verscheidene offshorewindparken zal meewerken. Hoewel de Britse markt vertraagt, kan DEME zich verheugen in grote projecten zoals Galloper en Race Bank.
Zo heeft RWE Innogy het EPCI-gedeelte van de funderingen voor het offshorewindpark Galloper aan DEME toevertrouwd. DONG Energy heeft DEME het vervoer- en installatiecontract toegekend voor het offshorewindpark Race Bank. De voorbereidende werkzaamheden voor de 97 funderingen vorderen goed en DEME zal in het tweede semester van 2016 de offshorewerken aanvatten, na de voltooiing van het offshorewindpark Nordsee One in Duitsland. DEME zal ook de beschermingswerken tegen erosie op zich nemen.
Het EPCI-contract voor het offshorewindpark Kentish Flats Extension van Vattenfall werd in 2015 voltooid. Het omvatte de installatie van 15 Vestaswindturbines van 3,3 MW. Dit contract had een zeer ruim bereik en omvatte het ophalen en installeren van de windturbines.
België is goed op weg om tegen 2020 zijn ambitieuze doelstelling van een productie van 2.000 MW uit offshorewindenergie te bereiken. Er is meer duidelijkheid gekomen op de markt na de beslissingen over het subsidiemechanisme en het project Stevin voor de versterking van het hoogspanningsnet tussen Zomergem
Het EPCI-contract voor het offshorewindpark Kentish Flats Extension van Vattenfall werd in 2015 voltooid
In België bereidt DEME zich voor op de installatie op zee van het offshorewindpark Rentel.
en Zeebrugge. Dankzij dit project zal men de elektriciteit uit windenergie naar het vasteland kunnen brengen en in heel België distribueren.
DEME bereidt zich voor op de installatie op zee van het offshorewindpark Rentel, dat gedeeltelijk door DEME Concessions wordt gehouden. De werken zouden in 2017 moeten beginnen. Aansluitend op het project Rentel worden twee andere offshorewindparken voorbereid, Mermaid en Seastar, waarin DEME een participatie heeft.
Tideway, een filiaal van DEME, werkt al 25 jaar in de olie- en gasindustrie. In 2014 richtte GeoSea het bedrijf EverSea op, dat zich toelegt op de inzet van jack-up platformen in de olie- en gassector.
In Nederland heeft EverSea, een filiaal van DEME, met succes de laatste hand gelegd aan een T&I-project op twee gasplatformen voor GDF SUEZ E&P Nederland bv (een onderdeel van de groep ENGIE), de grootste Nederlandse gasoperator. Het project had voornamelijk betrekking op het vervoer en de installatie van een gascompressiemodule van 330 ton op het platform E17a-A, op ongeveer 100 km ten noordwesten van de kust van Den Helder. De 'Neptune', een zelfvarend jack-up platform van DEME, heeft ook een nieuwe kraan geïnstalleerd op het platform L10-E, op de manier die de klant vroeg om de transportkosten te verlagen.
DEME heeft ook een T&I-contract verworven voor het onbemande gasplatform P11-E van het type 'Minimum Facility' voor rekening van Oranje-Nassau Energie bv (ONE), het grootste Nederlandse privébedrijf in de prospectie en productie van olie en gas. Het platform P11-E is een offshore-installatie voor de behandeling van aardgas van de gasbel P11-E nabij het Nederlandse continentale plat. Tideway zal de voorbereiding van de bodem en de steenbestorting op zich nemen. De installatiewerken zijn voor het midden van 2016 gepland.
DEME heeft de zeebodem genivelleerd en de werken voor erosiebescherming uitgevoerd voor de gasexportleiding van het project Wheatstone (Australië). In Ierland verkreeg DEME een contract voor corrigerende steenbestorting in het kader van het project Shell Corrib. In de zomer kwam de 'Rollingstone' in Mexico aan en begon hij met de steenbestorting voor verschillende aannemers van PEMEX die leidingen zullen leggen. In de eerste dagen van het jaar tekende DEME een contract met Saipem voor een tweede project in Venezuela: 'PDVSA Dragon'. De werken omvatten de bouw van een platform van steen dat de pijplijn zal ontvangen. De leiding is tot aan de kust aangelegd en de opvulwerken zijn voltooid.
In 2016 zal DEME steenbestortingswerken uitvoeren in het kader van
het project Lower Churchill, voor het elektriciteitsbedrijf Nalcor in Canada. Het betreft een grootschalig waterkrachtproject in Muskrat Falls. De site ligt op het schiereiland Labrador, op een zeer afgelegen plaats waar het bedrijf vanwege de extreme omstandigheden alleen in het voorjaar en de zomer kan werken. Drie stroomkabels van 18 km worden aangelegd om elektriciteit tot in Nova Scotia te kunnen vervoeren. In de zomer van 2015 werden de installaties voor het laden en het breken van rotsen voltooid.
In een ander historisch project heeft DEME met ABB een contract getekend voor de steenbestortingswerken van het project NordBalt voor de levering van een nieuw systeem om elektriciteit te transporteren tussen Zweden en Litouwen. Het transportsysteem van 700 MW ±300 kV zal de elektriciteitsnetten van de Scandinavische en Baltische regio's met elkaar verbinden. Men schat dat dit de langste ondergrondse en onderzeese HVDC-kabel ter wereld zal worden.
In december 2015 verkreeg DEME in een joint venture de opdracht voor corrigerende steenbestortingswerken in de Straat van Gibraltar, in Spanje, voor
Enagas. Dezelfde joint venture heeft ook steenbestortingswerken tot op 600 m uitgevoerd op het Noorse plat. Statoil is de opdrachtgever voor dit contract van drie jaar.
Daarnaast heeft Tideway, een filiaal van DEME, in de loop van 2015 aan verscheidene infrastructuurprojecten gewerkt, zoals een contract van Evides voor de bescherming van de oversteek van een waterleiding over de Schelde in België en Nederland.
Offshore & Wind Assistance (OWA), het in het onderhoud van offshorewindparken gespecialiseerde filiaal van DEME, ondernam in 2015 verscheidene projecten. OWA verzorgde in opdracht van Senvion het onderhoud van de windparken Thorntonbank (BE), Ormonde (UK), Alpha Ventus (GER) en NorseeOst (GER). OWA leverde op de Thorntonbank controle- en inspectiediensten in het kader van het algemene onderhoudscontract op lange termijn met C-Power. OWA bleef logistieke maritieme diensten leveren langs de Belgische en Duitse kust. Het zette hiervoor de Aquata en de Arista in, twee schepen voor het transport van personeel, samen met een vloot van vier schepen die voor deze tijdelijke opdracht werden gecharterd. OWA zal de exploitatie en het onderhoud van de 'Balance of Plant' verzorgen voor de toekomstige offshorewindparken Gemini in de Nederlandse sector van de Noordzee. Naast de maritieme logistiek omvatten de werken het onderhoud van alle funderingen boven en onder de zeespiegel, het onderhoud van de kabel en de erosiebescherming. Het contract loopt over een periode van 5 jaar die in 2016 begint.
Combined Marine Terminal Operations Worldwide (CTOW) biedt een compleet professioneel bijstandspakket aan voor de exploitatie van gespecialiseerde maritieme terminals en aanverwante diensten
SCALDIS focust zich nu op offshorewindparken en de ontmanteling van olie- en gasplatformen.
Combined Marine Terminal Operations Worldwide (CTOW) biedt een compleet professioneel bijstandspakket aan voor de exploitatie van gespecialiseerde maritieme terminals en aanverwante diensten. CTOW levert dus alle diensten, van het onderhoud van steigers of fairways tot sleepdiensten in een terminal en de behandeling van navigatiehulpmiddelen.
CTOW is een joint venture tussen DEME, Herbosch-Kiere en Multraship. Het bedrijf wil in een zo vroeg mogelijk stadium aan de projecten meewerken en biedt een geïntegreerde, 'sleutel op de deur' benadering aan voor de ontwikkeling, het beheer en de exploitatie van terminals en havens.
De daling van de olieprijzen in 2015 heeft CTOW ertoe aangezet zijn activiteiten op Afrika te focussen. Om een voortdurend groeiend klantenbestand te kunnen bedienen, heeft CTOW een historische beslissing genomen, namelijk de investering in zijn twee eerste eigen schepen.
Ze worden in maart 2016 in de vaart genomen.
De twee AS-slepers met een trekvermogen van 60 ton zullen worden ingezet op de monding van de Bonny River in Nigeria om te helpen bij het slepen van methaantankers. Het bedrijf leidt momenteel plaatselijk personeel op om zijn lokale verankering te versterken en zich voor te bereiden op zijn toekomstige groei in Nigeria en de rest van Afrika.
CTOW heeft ook verder gewerkt aan zijn contract voor havensleepdiensten in de haven van Onne in Nigeria. CTOW heeft in Luanda, Angola, tijdelijke navigatiehulpmiddelen geïnstalleerd voor de afbakening van de vaargeulen in Baia de Luanda en Baia de Mussulo.
Scaldis Salvage & Marine Contractors vierde in 2015 zijn 20ste verjaardag.
SCALDIS is wereldwijd actief als specialist in het hijsen van zware lasten. Het focust met zijn kraanschip 'RAMBIZ 3000' op het hijsen van zware lasten op zee voor bouwtechnische projecten en olie- en gasprojecten (installatie van jackets/topsides) en in de sector van de hernieuwbare energie (jackets/topsides), ontmantelingswerken (olie en gas/ hernieuwbare energie) en het bergen van scheepswrakken.
Wegens de verzwakking van de olie- en gassector focust SCALDIS zich nu op offshorewindparken (transport en installatiewerken voor Luchterduinen, Gemini, Nordsee One, Rampion en Nobelwind) en de ontmanteling van olie- en gasplatformen. Het krachtige kraanschip 'RAMBIZ 3000' zal in de drie volgende jaren in joint venture drie platformen verwijderen in de zuidelijke sector van de Noordzee, voor rekening van Perenco, en 11 platformen voor ConocoPhillips.
De milieubedrijven van DEME spelen steeds vaker een proactieve rol in de 'sourcing' en de ontwikkeling van potentiële saneringsprojecten.
DEME Environmental Contractors (DEC), de Vries & van de Wiel, Ecoterres en Extract-Ecoterres maken deel uit van Ecoterres Holding, de vennootschap die de milieubedrijven van DEME groepeert.
Hun activiteiten omvatten bodemsanering, de behandeling van vervuilde bodems en baggersediment en hoogtechnologische waterzuivering, met de nadruk op ontwerp, bouw en exploitatie aan de hand van innovatieve technieken.
Als gevolg van de daling van de olieprijzen en de terugval van de mijnbouwactiviteit werd 2015 gekenmerkt door een afname van het aantal saneringsprojecten, aangezien alleen volstrekt kritieke projecten werden uitgevoerd.
Anderzijds was er in sommige landen, waar de ruimte erg beperkt is, een toename van de aanbestedingen. De plaatselijke overheden willen immers nieuwe woningen bouwen op industrieel braakland, dat eerst moet worden gesaneerd.
De milieubedrijven van DEME spelen steeds vaker een proactieve rol in de 'sourcing' en ontwikkeling van potentiële saneringsprojecten. De plaatselijke overheden worden met budgettaire beperkingen geconfronteerd en kunnen de risico's en kosten van deze saneringsprojecten niet op zich nemen.
Met een ontwikkelaar als partner identificeren de milieubedrijven van DEME vervuilde oude industriesites, waarna ze met de eigenaar onderhandelen over de mogelijkheid om de terreinen te saneren en als industriële, residentiële en recreatiezones te ontwikkelen.
DEC, de Vries & van de Wiel en Ecoterres beschikken over verscheidene centra voor de recyclage van grond en sediment in België en Nederland. Ze behandelden in 2015 ongeveer 1,25 miljoen ton verontreinigde grond en baggersediment en zijn daarmee de leiders in deze gespecialiseerde activiteit in België en Nederland.
Naast zijn centra voor de recyclage van grond en sediment in België en Nederland heeft Ecoterres een nieuw zuiveringscentrum geopend in Frankrijk (Bruyères-sur-Oise). Deze site van
30.000 m2 is toegankelijk via de weg en het water (hij heeft een kade van 200 m aan de Oise). Het zuiveringscentrum is ontworpen voor de behandeling van 300.000 ton per jaar.
DEC kreeg in België verscheidene projecten voor de ontwikkeling van industrieel braakland toevertrouwd: Bekaert in Zwevegem en Hemiksem, met de privéontwikkelaars Vanhaerents en Vooruitzicht. Op deze sites werd in het verleden staalkabel geproduceerd. In een vergelijkbare configuratie hebben DEC en zijn joint venture partner een in Gent gelegen industrieel braakland van 8 ha gekocht van Bayer. Het contract werd in januari 2016 ondertekend en de voltooiing van de werken is tegen uiterlijk het einde van het jaar voorzien.
In Balen werkt DEC mee aan een lopend project voor de ontwatering van resten uit de processen van Nyrstar. Nyrstar
heeft twee bijkomende contracten toegekend voor de afdekking van een stortplaats en de installatie van een netwerk van pompinfrastructuur voor de opvang en zuivering van vervuild grondwater. DEC verzekert in dit kader het afvalbeheer, de ontwatering en de productie van filterkoeken.
Ecoterres heeft in Luik saneringswerken uitgevoerd voor ArcelorMittal, de grootste geïntegreerde metallurgische en mijnbouwonderneming ter wereld. Ecoterres heeft ook in Tertre saneringswerken voor Erachem voltooid. Dit project, dat in 2014 begon, omvatte de stabilisatie van de bodem, de zuivering van vervuild water en de afdekking van de site.
Ecoterres is bijna klaar met de bouw van een nieuw sedimentcentrum voor de Service Public de Wallonie (SPW) in Obourg. Dit project begon in 2011 en zal in 2016 worden voltooid. Ecoterres heeft saneringswerken verzorgd in Kain, als onderaannemer van BAGECI, dat een keerdam bij de sluis van Kain op de Schelde vervangt.
DEC heeft voor het tweede jaar op rij werken uitgevoerd voor de nv Waterwegen en Zeekanaal (de Vlaamse overheid voor de waterwegen) in het kader van een contract van 7 jaar. DEC behandelt het baggerslib in zijn centra voor sediment op verschillende locaties in België.
Ecoterres en zijn gespecialiseerde baggerbedrijf Kalis hebben een contract van vier jaar voor het onderhoud van de Waalse
waterwegen afgewerkt. Het baggerslib werd door Ecoterres behandeld op de site van Vraimont (Tubize). Het zwaarder verontreinigde sediment werd behandeld door Sedisol (Farciennes). Sedisol verwerkte in 2015 ongeveer 60.000 m³.
De Vries & van de Wiel heeft een project voor bodemsanering uitgevoerd op de site van de voormalige gasfabriek Feijenoord in Rotterdam, Nederland. De gasfabriek werd uitgebaat van 1879 tot 1968, toen ze met uitzondering van de schoorsteen en het waterreservoir werd gesloopt. De Vries & van de Wiel heeft het terrein gesaneerd om elke besmetting van het grondwater te voorkomen. Na de sanering zal de gemeente een stadspark aanleggen op de site.
DEC heeft zijn eerste contract met ExxonMobil in de wacht gesleept, een belangrijke mijlpaal voor het bedrijf. In samenwerking met het Noorse Veidekke Entreprenør AS zal DEC voor rekening van Esso Norge AS de site van een voormalige raffinaderij in Valløy, bij Tønsberg, saneren. De voorbereidende werken voor de infrastructuur op de site van ExxonMobil in Noorwegen zijn in november 2015 begonnen. Eind januari 2016 waren de wegen, platformen, menginstallaties, kantoren en opslagplaatsen klaar. DEC moet de zure teer uit de bodem halen en ter plekke behandelen om hem bruikbaar te maken. De site van Esso Norge AS moet worden gesaneerd om met het oog op een toekomstige gemengde bestemming (handelszaken en woningen) aan de criteria van het Noorse Milieuagentschap te voldoen. DEC
verwacht ongeveer 45.000 ton zure teer en meer dan 250.000 ton vervuilde grond te behandelen.
Dit is een bijzonder complex project, omdat de zure teer moet worden omgezet in een bruikbare brandstof van goede kwaliteit. Vervolgens zal de brandstof in cementovens worden gebruikt als alternatief voor steenkool en andere primaire brandstoffen. DEC moet zich ervan verzekeren dat elk deel van de exploitatie aan de strenge veiligheids- en gezondheidseisen van ExxonMobil en de milieuautoriteiten voldoet. DEC heeft voor dit unieke project zijn internationale team van specialisten verzameld. Men verwacht dat het project in het 2de kwartaal van 2019 voltooid zal zijn.
Een ander internationaal project had betrekking op Fase 3 van de sanering van het 100 ha grote terrein van een cokesfabriek in de omgeving van Chesterfield in het Verenigd Koninkrijk. DEC begon in 2009 met de sanering en voltooide de landschapsaanleg van de site in januari 2015. De site was zwaar vervuild met zwarte teer, cyanide en tal van polluenten, voor een totaal van ongeveer 1 miljoen m³.
Na de voltooiing van de sanering zal de site worden gebruikt voor residentiële doeleinden, met sportcentra, een school en zelfs visvijvers.
Jaarverslag 2015 54
Eind 2015 richtte DEME een onderneming op die zich specialiseert in maritieme infrastructuur, DEME Infra Sea Solutions (DISS) nv, met twee filialen – DEME infra Marine Contractors (DIMCO) nv en DIMCO bv – die respectievelijk in de Benelux en op de internationale markt actief zijn. In deze context heeft DEME de activa en het personeel van de divisie maritieme burgerlijke bouwkunde van CFE Infra nv, CFE Nederland bv en GEKA bv overgenomen.
De interne beschikbaarheid van een dergelijke infrastructuurcapaciteit antwoordt op de vraag van klanten naar geïntegreerde oplossingen. Vanwege de toenemende complexiteit van de projecten, werken meer en meer klanten liever niet met verscheidene aannemers (die ze moeten coördineren), maar verkiezen ze een enkele contractuele partij. EPC-oplossingen zijn sterk in opkomst.
DIMCO zal deelnemen aan projecten voor maritieme infrastructuur/burgerlijke bouwkunde die de activiteiten van DEME aanvullen. Het bedrijf beschikt over een uitgebreid departement voor engineering en ontwikkeling dat de klanten van DEME kan bijstaan. Het nieuwe bedrijf voor maritieme
Eind 2015 richtte DEME een onderneming op die zich specialiseert in maritieme infrastructuur, DEME Infra Sea Solutions (DISS) nv
infrastructuur telt ongeveer 150 werknemers in België en Nederland.
DIMCO heeft in 2015 verscheidene omvangrijke projecten tot een goed einde gebracht. Het grootschalige project 'Spoorzone Delft' bereikte in 2015 een belangrijke mijlpaal toen DIMCO, als partner in een consortium, de eerste fase van de 2.400 m lange spoorwegtunnel 'Willem van Oranje' afwerkte. De tunnel werd op de geplande datum geopend. In Fase 2, die al begonnen is en in 2018 voltooid moet zijn, worden twee bijkomende sporen aangelegd. Vorig jaar werd ook de laatste hand gelegd aan een ondergronds station en een parking.
DIMCO leverde een steiger op voor de nieuwe methaanterminal in Duinkerken, in Frankrijk. DIMCO bouwde ook een nieuwe steiger die zowel zee- als binnenvaartschepen kan ontvangen voor de Rubis Terminal in de Botlek (Rotterdam) en legde de laatste hand aan een groot project voor het heien van palen voor de kademuur van de LBBR-terminal in Rotterdam.
Ook 2016 is goed begonnen, want DIMCO en zijn plaatselijke partner hebben een contract voor de bouw van een 460 m lange kademuur voor een terminal in de Rotterdamse Maasvlakte in de wacht gesleept. De werken zijn in januari gestart en zullen in juni 2017 klaar zijn.
Volgens het door het Rotterdamse havenbedrijf gegunde contract is DIMCO belast met de gedetailleerde engineering, de damplanken en de bouw van de kademuur, terwijl DEME de baggerwerken tot op een diepte van -16,4 m verzorgt.
DIMCO werd met twee prestigieuze prijzen voor zijn inspanningen beloond. Een internationale jury kende het bedrijf de jaarlijkse 'Betonprijs' toe in de categorie 'uitvoering', voor een creatieve, nuttige en uitzonderlijke betonrealisatie. DIMCO kreeg ook de studieprijs Schreur voor zijn innoverende bouwtechnieken en een creatieve ondergrondse oplossing.
DEME Building Materials (DBM) is het filiaal van DEME dat zich specialiseert in de winning, het vervoer, de verwerking (wassen, breken en sorteren) en de levering van mariene aggregaten op de Europese markt.
De aggregaten zijn afkomstig uit verschillende maritieme zand- en grindconcessies van DEME en licenties van derde partijen in België, Nederland, Frankrijk, Polen en het Verenigd Koninkrijk.
Dankzij een optimale combinatie van zijn zand- en grindconcessies op zee en zijn grote onshore- en offshore productiecapaciteit, kan DBM een in termen van kwantiteit en kwaliteit constante en betrouwbare levering verzekeren.
In de afgelopen tien jaar heeft DBM een reserve aangelegd van meer dan 300 miljoen ton mariene aggregaten met zand en grind tot 100 mm.
Ondanks de recessie in de Europese bouwsector was 2015 allesbehalve een stil jaar voor DBM. Verscheidene grote projecten in de Benelux werden met succes afgewerkt. Daarnaast heeft de Londense bouwmarkt zich hersteld en zou haar vraag in 2016 moeten standhouden.
Voor de middellange en lange termijn verwacht DBM een toename van de vraag naar mariene aggregaten, aangezien de strengere Europese milieuwetten een weerslag hebben op zowel traditionele groeven als het baggeren op rivieren. In het licht van de sterke vraag die het in de toekomst verwacht, zal DBM de capaciteit van zijn vloot van zand- en grindbaggerschepen uitbreiden. Zo zal het zijn positie bij de belangrijkste Europese bedrijven in de ontginning van aggregaten consolideren.
DBM beschikt over installaties voor de verwerking van mariene aggregaten en over distributiecentra in België (Oostende) en Nederland (Vlissingen en Amsterdam). DBM heeft bovendien in samenwerking met Carrières du Boulonnais een nieuwe verwerkingsfabriek gebouwd in Boulogne-sur-Mer, in Frankrijk.
Het unieke van deze nieuwe verwerkingsinstallatie is dat ze alleen techniek met zeven en droog vermalen gebruikt voor de productie van zand en gekalibreerd grind op basis van mariene baggeraggregaten. Deze techniek is goedkoper, energiezuiniger en milieuvriendelijker.
Eén van de grote projecten van 2015 was de levering van mariene aggregaten voor de bouw van de nieuwe zeesluis van de Antwerpse haven, de grootste ter wereld.
De twee hypermoderne grindhopperzuigers Charlemagne en Victor Horta hebben onafgebroken gewerkt.
In België heeft de Oostendse fabriek van DBM 400.000 ton op de plaatselijke bouwmarkt verkocht. Een van de grote projecten van 2015 was de levering van mariene aggregaten voor de bouw van de Kieldrechtsluis, de nieuwe zeesluis van de Antwerpse haven en de grootste ter wereld. In twee jaar tijd heeft DBM ongeveer 1,3 miljoen ton zand en grind geleverd voor het beton van deze megastructuur.
In Nederland heeft DBM grind van zeer groot kaliber geleverd voor de werken voor erosiebescherming in het Nederlandse deel van de Schelde, werken die door een ander filiaal van DEME werden uitgevoerd.
Het contract op lange termijn met Eurovia, in Frankrijk, voor leveringen in Dieppe en Le Havre, vormde de zuidwestelijke grens van de activiteiten van DBM in 2015. De noordoostelijke grens werd gevormd door de leveringen in Gdansk, in Polen, waar de 'Charlemagne' en de 'Victor Horta' verscheidene projecten verzorgden.
OceanflORE is een 50/50 joint venture tussen IHC Merwede en DEME die voornamelijk oplossingen voor diepzeeontginning aanbiedt. Het bedrijf levert geavanceerde en innoverende oplossingen voor de ontginning op de zeebodem. Ze zijn performant, voordelig en duurzaam, en streven altijd naar een minimale milieu-impact.
In 2015 voerde OceanflORE onderzoeksen ontwerpwerkzaamheden uit in het domein van het afgraven van afzettingen, het verticale transport ervan naar de oppervlakte, de energievoorziening, de verwerking aan boord enz.
OceanflORE heeft overlegd met mijnbouwgroepen en overheidsinstellingen om vormen van synergie te identificeren voor de ontginning van ijzerzand, diamanten, seafloor massive sulphides (SMS), mangaanknollen en andere zeldzame mineralen.
Jaarverslag 2015 58
Power@Sea is één van de stichtende partners van C-Power, het eerste Belgische offshorewindparkdat werd opgeleverd in 2013-2014
DEME Concessions levert middelen, vooral risicokapitaal en specifieke projectkennis, voor de maritieme activiteiten van DEME. Het steunt de verschillende bedrijven van de groep.
Zo werkt DEME Concessions in de context van de openbare infrastructuur mee aan het goede verloop van de gunning en financiering van DBFMcontracten (Design, Build, Finance and Maintain). De openbare sector vraagt steeds meer om dergelijke contracten, omdat ze zelfs met beperkte overheidsmiddelen de voortzetting van essentiële infrastructuurprojecten mogelijk maken.
DEME Concessions intervenieert in een zo vroeg mogelijk stadium om bij te dragen tot het succes van de structurering en financiering van de ontwikkelingen waar het aan deelneemt. DEME Concessions kiest zijn projecten uitsluitend op basis van de omvang van de werken van DEME in het kader van het project.
Zijn betrokkenheid gaat van de eerste ontwikkelingsfase tot de operationele fase van het project. DEME Concessions kiest resoluut voor transparantie tegenover zijn partners.
DBFM-contracten worden steeds vaker gevraagd door de openbare sector.
Het concentreert zich voornamelijk op drie sectoren:
DEME Concessions participeert in het tweede project voor de Coentunnel in Amsterdam, die in 2014 met succes werd afgewerkt en nu wordt geëxploiteerd. DEME is voor de volgende 24 jaar betrokken bij het onderhoud.
Zuiderzee Harbour, in Nederland, werd onder een PPS-overeenkomst gerealiseerd. Dit project omvatte de technische realisatie en de bouw van de haven, de constructie van de site en de infrastructuur, de aanleg van de toegangswegen, de verkoop van de ontwikkelde zones, het beheer en het onderhoud voor een periode van 15 jaar.
In de Democratische Republiek Congo werd een PPS-overeenkomst ondertekend met La Congolaise des Voies Maritimes voor een baggerconcessie van 10 jaar op de Congostroom. DEME zal tot op een diepte van 26 voet (2,9 m) baggeren om de stroom gedurende het volledige jaar bevaarbaar te maken.
Power@Sea (een joint venture tussen DEME en SRIW/SOCOFE) is één van de stichtende partners van C-Power, het eerste Belgische offshorewindpark. C-Power (325 MW) werd in 2013-2014 opgeleverd. De productieniveaus voldoen aan de verwachtingen. Power@Sea levert gespecialiseerde bijstand met betrekking tot milieuvergunningen, aankoopprocedures, reglementeringen, offertes, bouw, distributie, exploitatie en beheer van de levenscyclus.
DEME heeft samen met de andere aandeelhouders van OTARY een participatie in drie andere concessies voor Belgische offshorewindparken: Rentel, SeaStar en Mermaid. Rentel, met een capaciteit van 294 MW, zou in de loop van de zomer van 2016 zijn projectfinanciering moeten afronden.
DEME Concessions heeft een participatie in het offshorewindpark van 400 MW Merkur, in het Duitse deel van de Noordzee.
DEME Blue Energy (DBE) concentreert zich voornamelijk op de ontwikkeling van projecten voor golf- en getijdenenergie, en neemt deel aan innoverende projecten in Schotland en Ierland.
Jaarverslag 2015 60
Ook hier komt DEME zo vroeg mogelijk tussen om het succes van de projecten te verzekeren. DBE (70% DEME en 30% Participatie Maatschappij Vlaanderen) werkt nauw samen met verscheidene universitaire kenniscentra en strategische industriepartners om zijn positie op de jonge markt van de oceaanenergie te verstevigen.
In Schotland en Ierland houdt DBE in een 50/50 joint venture met NUHMA (de partner van DEME in C-Power en OTARY) twee concessies voor getijdenenergie in samenwerking met een plaatselijke partner: het West Islay Tidal Energy project en het Fair Head Tidal Energy Park.
Met zijn filiaal DEME Building Materials blijft DEME investeren in nieuwe of bestaande concessies voor zand en grind in de nabijheid van de kusten en tot op 100 m diepte.
DBM heeft in veel landen een solide positie verworven, dankzij relaties op lange termijn en overeenkomsten met belangrijke Europese industriepartners.
DEME Blue Energy concentreert zich voornamelijk op de ontwikkeling van projecten voor golf- en getijdenenergie, en neemt deel aan innoverende projecten in Schotland en Ierland.
Global Sea Mineral Resources (GSR) nv is een filiaal van DEME dat zich toelegt op de ontwikkeling van duurzame zeeontginning. Op 14 januari 2013 ondertekenden de International Seabed Authority (ISA) en GSR een 15-jarig contract voor prospectie naar en exploratie van polymetallische knollen.
Volgens het contract krijgt GSR de exclusieve exploratierechten op 76.728 km²
van de zeebodem in het oostelijke deel van de Clarion-Clippertonzone (CCZ) in de centrale Stille Oceaan.
De eerste expeditie van GSR in 2014 werd in 2015 gevolgd door een tweede sonderingscampagne voor een nauwkeurig onderzoek van drie kleinere zones, op basis van de in de vorige campagne verzamelde informatie en van historische gegevens.
CFE Contracting werd in 2015 opgericht, na een grondige herorganisatie met het doel een vereenvoudigde structuur te creëren die naar buiten toe de efficiëntie vergroot en intern de structurele kosten beperkt. CFE Contracting verzamelt voortaan de bouwactiviteiten in België, Luxemburg, Polen en Tunesië, samen met de activiteiten in de multitechnieken en rail infra & utility networks. Met voor meer dan 100 miljoen euro eigen middelen en een groot potentieel in termen van competenties, engagement van het personeel en posities op de doelmarkten, vormt CFE Contracting een gezonde basis die in 2016 in verscheidene opzichten verder zal worden versterkt.
De doorlopende verbetering van een echte veiligheidscultuur is meer dan ooit de eerste prioriteit in een vakgebied met buitengewoon hoge risico's. Niets kan rechtvaardigen dat iemand op de werven wordt verwond.
In 2016 zullen onze inspanningen drie krachtlijnen volgen, met de toepassing van verschillende concrete maatregelen:
Dankzij de herorganisatie van de pool en de algemene goede gezondheid van de activiteiten, ziet de toekomst er gunstig uit. Voor 2016 verwachten we dan ook een lichte groei van de omzet samen met een hogere rentabiliteit.
In de bouw zouden we in België een drukke activiteit moeten kennen, door de start van verscheidene werven. In het Groothertogdom Luxemburg doet de vastgoedsector het goed en zal de activiteit toenemen. 2016 is ook veelbelovend in Polen, waar CFE zowel bij de internationale investeerders als de plaatselijke klanten een erkende speler wordt. In Tunesië is het orderboek bevredigend ondanks een moeilijk economisch klimaat.
De activiteiten in de multitechnieken blijven in het algemeen stabiel. Voor de in de spoorwegprojecten actieve entiteiten zal 2016 een overgangsjaar worden, daar vanaf 2017 een moderniseringsprogramma voor de seininrichtingen gepland is.
Het prestigieuze gebouw Toison d'Or, dat naast 70 luxeappartementen onderdak geeft aan verscheidene internationaal befaamde merken, zoals Marks & Spencer en Apple .
Raymund Trost
Gedelegeerd bestuurder CFE Contracting NV
Gedelegeerd bestuurder van CFE Gebouwen Brabant Wallonië
Fabien De Jonge Financieel en administratief directeur van de groep CFE
Yves Weyts
Gedelegeerd bestuurder van CFE Bouw Vlaanderen en algemeen directeur van de activiteiten Multitechnieken en Rail infra & Utility networks
BPC Liège werkt momenteel aan
Het is een gigantische bouwplaats. Sinds mei 2015 wordt hier gewerkt aan het toekomstige Centre Hospitalier Chrétien (CHC) van Luik, het 'CHC MontLégia' – een verwijzing naar de waterloop die het Prinsbisdom zijn naam gaf. Dit ultramoderne ziekenhuis, dat in september 2018 klaar moet zijn, zal met 764 bedden en 120 plaatsen in het dagziekenhuis 2.000 mensen werk geven. Er komen niet minder dan 20 operatiekamers met de meest geavanceerde technologie.
De ruwbouw, die in oktober 2016 wordt opgeleverd, beslaat 119.000 m2 bouwoppervlakte, waarvan 34.000 m2 onder de grond. Er zijn 2.000 heipalen geslagen en niet minder dan 9 hijskranen heersen over de werf.
Stany coördineert de werfzone waarvoor BPC Liège verantwoordelijk is: "Ik zorg ervoor dat alles vlot verloopt, in naleving van het bestek, de planning en de veiligheidsregels. De arbeiders zijn hier van 7 tot 19 uur aan het werk. Ik, ik ben er al om 6 uur 's ochtends… en ik ga naar huis wanneer het kan."
De werf van het CHC MontLégia is reusachtig, een mierennest waar iedereen druk aan het werk is om het toekomstige ziekenhuis op te trekken. Terwijl de arbeiders tientallen houten balken voor de plaatsing van de bekistingsplaten ontvangen, zijn in de kantoren de ingenieurs van de cel die de bouwplaats voorbereidt aan het werk met de plannen van de toekomstige vloeren.
De coördinator bezoekt de verschillende werkzones. Gewapend met zijn plannen, inspecteert hij samen met arbeiders de vordering van de werken. Aan de ene kant worden pijlers geplaatst die een volgende verdieping zullen dragen. Aan de andere kant vlechten een half dozijn arbeiders een keurig raster van lange metalen staven. "De ijzervlechters hebben maar een halve dag nodig voor een plaat van deze grootte," merkt Stany op. "Later wordt het beton rechtstreeks op het ijzervlechtwerk gestort."
Met de handsfree kit van zijn smartphone stevig in zijn oor, blijft Stany doorlopend
in contact met al zijn collega's. Elk detail telt. Je hebt een geoefend oog nodig om het kleinste zandkorreltje te bespeuren dat het immense raderwerk zou kunnen verstoren. Tijdens de inspectie ziet de coördinator een kapotte stekker op een aansluitblok dat een deel van de werf van elektriciteit voorziet. Hij haalt er meteen een technicus bij en laat het defect onmiddellijk herstellen.
Het team gebruikt zelfs een drone, die regelmatig boven de bouwplaats vliegt. Hij filmt en maakt foto's van de vordering van de werken. Daarna bekijken de coördinatoren de beelden samen om te controleren of alles volgens plan verloopt.
Dit is dan ook geen eenvoudige werf. "Alleen al op het vlak van de veiligheid moeten wij negen kranen coördineren die op deze beperkte oppervlakte binnen elkaars werkbereik komen. Een passief antibotssysteem voorkomt ongevallen. Het project is ook op het technische vlak erg apart. We werken bijvoorbeeld met verschillende soorten beton, wat een bijzondere specialisatie vraagt.
Zo gebruiken we voor de toekomstige radiologische dienst een speciaal antistralingsbeton met een dichtheid van 3.600 kilogram per kubieke meter!"
De site aan de autoweg is optimaal zichtbaar en bereikbaar. Het project heeft ook een grote symbolische betekenis voor de Luikenaars. "Dit is gewoonweg de grootste werf in de stad Luik sinds die van het station Guillemins," besluit Stany.
| Werfleider | ||
|---|---|---|
| Leeftijd 38 jaar |
||
| Functie | Toezicht houden op het vlotte verloop van de werf, in naleving van het bestek, de planning en de veiligheidsregels |
|
| Devies: | "Een goede werkvoorbereiding, is anticiperen om beter te kunnen handelen." |
Een ervaren piloot – hij neemt zelfs deel aan wedstrijden – bestuurt een drone die over de werf en tussen de kranen vliegt om foto's te maken van de vordering van de werken. Later zullen de verschillende coördinatoren de beelden analyseren.
De bouw van het nieuwe ziekenhuiscomplex AZ St-Maarten in Mechelen werd in 2015 voortgezet
Contracting
2015 was in het algemeen positief jaar, gekenmerkt door de groei of de stabiliteit van de omzet van de meeste bedrijven in de constructie van gebouwen, industriële constructies en renovaties. Dit geldt zowel voor de Belgische als de internationale markt.
BENELMAT levert technische bijstand aan de operationele teams op het vlak van de keuze, de studie, de levering en de selectie van materieel voor de uitvoering van de werven van de groep. Het nieuwe depot in Gembloux zal de rationalisatie van het materieelpark van BENELMAT verbeteren.
In het begin van het jaar werden de bouwactiviteiten van de groep in Vlaanderen, gekend onder de merken MBG en Atro, overgebracht naar de juridische entiteit CFE Bouw Vlaanderen, terwijl de burgerlijke bouwkunde naar DEME ging. MBG kende in 2015 opnieuw een sterke omzetgroei en leverde verscheidene grote projecten af: een datacenter voor de Universiteit Gent, het luxe appartementengebouw Baelskaai 12 in de wijk Oosteroever in Oostende, de woontoren 3 van het project Kattendijkdok in Antwerpen, het gebouw voor Dossche Mills in Merksem en het project Optara voor Total in Antwerpen. De bouw van het nieuwe ziekenhuiscomplex AZ St-Maarten in Mechelen werd
in 2015 voortgezet, terwijl verscheidene werven werden opgestart, zoals de bouw van verscheidene scholen in het kader van het contract 'Scholen van Morgen' voor AG Real Estate in Herentals, 's-Gravenwezel en Edegem, een gebouw 't Sas in Vilvoorde – 4 Fonteinen (138 appartementen, een handelsruimte en een grote ondergrondse parking), de realisatie in tijdelijke vereniging van verschillende betonwerken voor ExxonMobil in Antwerpen.
Begin 2015 nam Atro (de voormalige divisie Bouw van Aannemingen Van Wellen) zijn intrek in zijn nieuwe kantoren in Brasschaat. In juli werd het samen met MBG een onderdeel van de nieuwe vennootschap CFE Bouw Vlaanderen. In 2015 werden verscheidene DB(F)M-projecten opgeleverd tot tevredenheid van de klant en het ontwerpersteam: de scholen in Bocholt en Lennik (DBM) in het kader van 'Scholen van Morgen', en het Jeugd- en Verblijfcentrum in Brasschaat (DBFM) voor Toerisme Vlaanderen. Dit soort projecten zouden in de toekomst een grotere rol moeten spelen in de activiteiten van Atro. Daarnaast werden verscheidene projecten opgeleverd: 66 studentenkamers voor Vlaeynatie in
Antwerpen, een centrum voor bloedinzameling en een laboratorium voor het Rode Kruis in Vlaanderen, en nieuwe lokalen voor ENGEMA in Mechelen.
Atro sloot het jaar af met een omzet van 36 miljoen euro, een stijging met 6%. Eind 2015 was het orderboek al goed voor meer dan 45 miljoen euro (+22%), vooral dankzij nieuwe opdrachten van bestaande klanten die daarmee hun vertrouwen in het bedrijf bevestigen.
Na een moeilijk jaar 2014 werd 2015 een overgangsjaar voor de Groep Terryn: eind juni namen twee van de vier minderheidsaandeelhouders de activiteiten Terryn Houthandel en Ecotimber over. Zo kon de Groep Terryn zich op haar kernactiviteit focussen: gelamineerd hout en producten van kruislaaghout (CLT) via de filialen Terryn Timber Products, Lamcol en Korlam, alsook op de industriële en semi-industriële bouw via Spanbo.
De belangstelling voor duurzame houtbouw blijft toenemen. Met mooie realisaties van CLT in onder meer Namen, Maillen en Estaimpuis – gebouwen die tot vijf verdiepingen kunnen reiken – bevestigt deze techniek haar waarde als kwaliteitsvol alternatief voor de klassieke producten van beton of staal, met een aanzienlijke tijdwinst.
Voor BPC Brabant werd 2015 vooral gekenmerkt door de oplevering van het emblematische gebouw Toison d'Or, dat naast luxeappartementen onderdak geeft aan verscheidene internationaal befaamde merken, zoals Apple en Marks & Spencer. De eniteit realiseerde ook het nieuwe logistieke gebouw van Nike in Ham, dat in een recordtijd werd voltooid: 100.000 m2 in vijf maanden! BPC Brabant werkte ook verder aan twee andere grote werven in het hart van Brussel, Chambon en Solvay, met zowel nieuwbouw als ingrijpende renovaties. In de loop van het jaar werden verscheidene fasen opgeleverd. Ten slotte werd in 2015 het in 2014
opgestartte project op de site van de voormalige papierfabrieken van Genval opgeleverd.
BPC Brabant noteerde in 2015 een omzet van ongeveer 95 miljoen euro, vrijwel identiek aan de omzet in 2014. Het jaar werd jammer genoeg gekenmerkt door moeilijkheden op de werf van het Museum voor Europese Geschiedenis in Brussel. Gelet op het orderboek belooft 2016 een goed jaar te worden, met een omzet die constant zal blijven en de oplevering van onder meer het grote winkelcentrum (100.000 m2) Docks Bruxsel, aan de Van Praetbrug.
Amart heeft dit jaar tot volledige tevredenheid van de klanten verscheidene prestigieuze projecten opgeleverd, waaronder de projecten 'W34' voor Cofinimmo, Gribaumont 1 en Marks & Spencer. Het jaar werd ook gekenmerkt door de opdracht voor het project Twice van promotor Eaglestone. Het bedrijf heeft verscheidene mooie referenties op zijn naam – in het bijzonder de uitbreiding van de Muziekkapel Koningin Elisabeth – en boekte in 2015 een omzet van ongeveer 36 miljoen euro, een lichte terugval tegenover het jaar voordien. Wat zal 2016 worden? Amart, dat sinds 1 juli 2015 in SA CFE Bâtiment Brabant Wallonie is opgenomen, begint 2016 met een sterk orderboek van ongeveer 34 miljoen euro. Het bedrijf wil in 2016 de kaap van de 40 miljoen euro omzet nemen en terugkeren naar het activiteitsniveau van 2014!
In 2015 werkte CFE Brabant aan openbare en privéprojecten van uiteenlopende omvang in zowel nieuwbouw als renovatie. Enkele kenmerkende projecten van het jaar: de ziekenhuizen Chirec en Bordet, de renovatie van het Eastman-museum (Museum voor Europese Geschiedenis) en van de ateliers van de Muntschouwburg, met inbegrip van de bouw van een tunnel voor het vervoer van de decors, de site 'Ecopole' in Anderlecht, de uitbreiding van de nieuwe zetel van AXA, de renovatie van het metrostation Kunst-Wet, of ook nog de bouw van het Treinmuseum in Schaarbeek.
CFE Brabant boekte in 2015 een omzet van 84 miljoen euro – een daling – en presteerde onder de verwachtingen, vooral wegens verliezen op verscheidene werven (Eastman, renovatiewerven, verliezen in de dienst na verkoop…) maar ook als gevolg van de herstructureringskosten van de onderneming. Toch is er reden tot optimisme: het orderboek is stabiel en 2016 is veelbelovend. De voltooiing van verscheidene lopende projecten in 2016 zal CFE Brabant weer doen groeien, terwijl de markt in het algemeen positief evolueert.
LELOUP ENTREPRISE GENERALE zag zijn omzet in 2015 met 40% stijgen. De groei ging samen met een versterking
In Wallonië, behoort BPC vandaag tot één van de grote spelers in de bouw, zowel in de openbare als de privésector.
van het administratieve, financiële en werfteam. Het bedrijf begon 2015 met een prestigieus project op de site van GSK in Waver, en leverde de projecten Sint-Ursula in Vorst en Viaduc op. Enkele projecten in uitvoering: de bouw van appartementen op de werven Stroobant en Georges Henri, de metaalstructuur en ruwbouw van de Sint-Honorédoorgang, het onthaalgebouw van het William Lennox-centrum, verscheidene renovaties…
Met een omzet van 67 miljoen euro, een stijging met bijna 50% tegenover 2014, was 2015 een nieuw groeijaar voor BPC Hainaut-Liège-Namur in Wallonië. We vermelden onder meer de bestelling en start van de werf van het ziekenhuis CHC MontLégia in Luik, de oplevering van twee datacenters voor BNP in Bastenaken en Vaux-Sur-Sûre, de oplevering van
de 'Port du Bon Dieu' (een residentieel gebouw voor Atenor) in Namen, de uitbreiding van het winkelcentrum 'Les Grands Prés' in Bergen voor City Mail/ Union, of ook nog de renovatie van het vakantiecentrum 'Ol Fosse d'Outh' voor het ACV. Daarnaast is een lange reeks bouw- en renovatieprojecten in uitvoering, zoals Bank Delen, MédiaSambre, de parking van het station van Hoei, Shape en Campus Garden. Dankzij al deze projecten is BPC Hainaut-Liège-Namur één van de grote spelers in de bouw in Wallonië, in zowel de openbare als de privésector. Met een al goed gevuld orderboek zijn de vooruitzichten voor 2016 positief. Bovendien zouden in de nabije toekomst verscheidene opdrachten voor projecten concreet kunnen worden en de forse groei van 2015 bevestigen.
CLE deed in 2015 zijn voordeel met het herstel van de activiteit in het Groothertogdom Luxemburg. De kantoorsector had onder de financiële crisis geleden maar herstelde zich in 2015, zodat CLE hier weer een interessant orderboek vond. CLE heeft in dezelfde sector drie projecten opgeleverd: de uitbreiding van BGL op de Kirchberg, het prestigieuze 'Royal 20' van Leasinvest, een ontwerp van architect Christian de Portzamparc en gelegen in het centrum van Luxemburg, alsook de zetel van G4S. De onderneming werkt verder aan twee andere belangrijke kantoorgebouwen, het project Kons, de toekomstige zetel van ING tegenover het station, en het Europees Parlement. Daarnaast heeft CLE grote projecten opgeleverd, zoals 'Green Hill' (174 appartementen, verdeeld
In Luxemburg werkt CLE verder aan de bouw van belangrijke kantoorgebouwen, waaronder het project Kons, de toekomstige zetel van ING, en het Europees Parlement.
over 14 residenties), 'EdenGreen' een serviceresidentie, de nieuwe herstellingshal voor de Luxemburgse spoorwegen (CFL) en de ruwbouw van een school voor de Stad Luxemburg. Eveneens te noteren: de opdracht voor het Lycée Français in Luxemburg. Aangezien de Staat grote investeringen in onderwijs en huisvesting plant en privéontwikkelaars verscheidene projecten in de pijplijn hebben, verwacht CLE voor 2016 een activiteit op het niveau van voor de crisis.
Ondanks de sterke concurrentie op de Poolse bouwmarkt mag CFE Polska zich verheugen in een jaar met zeer bevredigende marges en een uitstekende thesaurie. De onderneming heeft het vertrouwen en de trouw van verscheidene grote klanten verworven, zoals Atrium Real Estate (4de contract) of
Valeo (5de contract). CFE Polska heeft voor hetzelfde Valeo een kantoorgebouw in Skawina (Krakau) opgeleverd, terwijl de uitbreiding van het winkelcentrum Galeria Copernicus in het voorjaar van 2015 werd voltooid. Bij de andere projecten die werden opgeleverd, vermelden we de eerste fase van het industriecomplex voor Tube City IMS Poland op de terreinen van ArcelorMittal in Dabrowa Gornicza en de eerste fase van het residentiële complex 'Kolska od Nowa' in Warschau voor Matexi Polska. Verscheidene andere werven zijn in uitvoering, waaronder het residentiële project 'Marina Royale' in Darlowo voor de Belgische ontwikkelaar POC partners, een hotel met 149 kamers in Lodz voor de Franse groep 'B&B Hotels' en het kantoorgebouw 'Den Haag' in Krakau. Dat laatste is het derde van de vier gebouwen van het complex 'Orange Office Park' in opdracht van East West Development. De twee eerste gebouwen werden in 2014 en 2015 opgeleverd.
En in 2016? Dankzij een goed gevuld orderboek kan CFE Polska op een beduidende groei van zijn omzet rekenen.
CTE sleepte verscheidene mooie contracten in de wacht, zoals de bouw van het Marriott Hotel in Tunis.
De Compagnie Tunisienne d'Entreprises (CTE), die door CFE samen met een Tunesische partner werd opgericht, heeft in verschillend streken van het land aan meerdere projecten gewerkt. In de regio Korba werd het eerste van twee gebouwen voltooid en werd het tweede in maart 2016 opgeleverd. Nabij de haven van Sidi Bou Said heeft CTE een hotel gerenoveerd in opdracht van de Ritz
Carlton-keten. In Tunis is de bouw van de Ecole Américaine gestart, terwijl een kleine uitbreiding van het in 2014 opgeleverde logistieke platform van MAERSK werd aangevat. CTE sleepte verscheidene mooie contracten in de wacht, zoals de bouw van 300 appartementen (project Mena) en van het Marriott Hotel in Tunis, de bouw van een fabriek voor afvalverwerking voor Koica, of ook nog een residentieel gebouw voor Promotion Eltaief. Met een al goed gevuld orderboek voor volgend jaar, verwacht CTE zijn ontwikkeling verder te zetten met een omzetstijging van 25%.
Technische installatie voor een school in Herentals in het kader van 'Scholen van Morgen'
Contracting
VMA verzekerde in 2015 een ruime waaier van activiteiten, vooral in de tertiaire en gezondheidszorg als in de infrastructuursector. Het departement heeft onder meer het AZ-Groeninge in Kortrijk uitgerust en de werven van het AZ St-Maarten in Mechelen aangevat. VMA realiseerde bovendien een groot aantal technische installaties in de tertiaire sector, onder meer in Brussel, voor De Meander op de site van Tour & Taxis en voor de nieuwe zetel van AXA aan het Troonplein, en in Zwijnaarde voor een nieuw datacenter voor de Universiteit Gent, in samenwerking met MBG. De teams waren ook zeer actief op de bouwwerven voor scholen, en werkten verder aan de elektromechanische installaties van de ondertunneling van de R11 in Deurne. In samenwerking met Vanderhoydoncks werden elektriciteitswerken uitgevoerd voor het nieuwe distributiecentrum van Nike in Ham.
Na het overgangsjaar 2014 deed VMA West in 2015 goede zaken, door te focussen op zijn kernactiviteit: elektriciteit.
In de automatisering was de activiteit erg druk, met de installatie van uitrusting voor een fabriek van Audi in Mexico en voor Jaguar in het Verenigd Koninkrijk, naast complexe werken voor een nieuwe fabriek voor de productie van cabines voor Scania in Zweden. Ook in België werden verscheidene werken uitgevoerd, als voorbereiding van de nieuwe investeringen van Volvo in Gent en Audi in Brussel.
Na het overgangsjaar 2014 deed VMA West, aan de zijde van VMA, in 2015 goede zaken, door te focussen op zijn kernactiviteit: elektriciteit. VMA zet zijn diversificatiestrategie met nieuwe sectoren en producten verder.
Nizet sluit 2015 af met een resultaat in evenwicht. Het departement 'Tertiaire' leverde onder meer de projecten van de nieuwe school van de NAVO in Bergen en de fotovoltaïsche installatie van AXA in Brussel op. De uitrusting van het nieuwe ziekenhuis CHwapi in Doornik wordt voltooid en verscheidene projecten zijn in uitvoering, zoals het Sint-Jansziekenhuis in Brussel en het Hôpital Saint-Vincent in Dinant. De activiteit van het atelier 'Middenspanning' vordert goed en moet worden versterkt om te blijven groeien.
Het departement Infra blijft zijn activiteiten verdelen tussen België en de internationale markt. In België werd het project van het waterzuiveringsstation Brussel-Zuid voortgezet en werden de werken voor Infrabel hervat. In Sri Lanka werd het waterzuiveringsstation van Balangoda en Kolonna (een samenwerking met CFE International) voorlopig opgeleverd. In Vietnam werden in 2015 twee pompstations opgeleverd in Hanoi. Een derde is voor 2016 gepland.
Na de winkels in Louvain-La-Neuve en Waterloo opende Voltis in september 2015 met succes een derde zaak in Nijvel. Met deze nieuwe winkel zal Voltis nieuwe klanten kunnen bedienen ten zuidwesten van de hoofdstad en kan het zijn ontwikkeling in 2016 voortzetten.
Op 1 januari 2015 nam Druart de medewerkers van de firma Brantegem over, zodat het zijn activiteiten ook in het noorden van het land kon ontwikkelen, met name op de werven van 'Scholen van Morgen'. Toch kende het bedrijf begin 2015 een daling van de activiteit.
Druart heeft verscheidene grote opdrachten in HVAC en sanitair ondernomen, zoals de installatie van een nieuwe stoomverwarming voor Sonaca in Gosselies, de renovatie van de Belgische maatschappelijke zetel van Nestlé in Anderlecht, en de vervanging van de koelinstallatie van het CHR van
Namen. De onderneming heeft bovendien op diverse werven gewerkt, zoals die van Hotel Vandervalk in Bergen en de Clinique Notre-Dame in Gosselies.
Procool, de koudespecialist, kende begin 2015 een drukke activiteit, vooral in de klimaatregeling, met onder meer installaties voor de kantoren van Sonaca en het Home Lenoir in Gerpinnes. In het tweede semester domineerde de activiteit industriële koeling, met de uitbreiding van de werf van het CHwapi, het nieuwe ziekenhuis in Doornik, de vernieuwing van de koelinstallatie van de afdeling Onderzoek en Ontwikkeling van GSK in Rixensart en de plaatsing van koelkamers voor het IFAPME in Bergen.
In 2015 bevestigde be.Maintenance zijn goede financiële gezondheid en bleef het zich ontwikkelen in de tertiaire sector, de industrie, de logistiek, het hotelwezen, de scholen en de ziekenhuizen. Dat blijkt onder meer uit belangrijke opdrachten voor het onderhoud en het beheer van de technische installaties van gebouwen voor het OCMW van Brussel, de Stad Charleroi, het politiegebouw van Charleroi, het Sint-Jansziekenhuis of Fedex. De synergie die de groep CFE in haar activiteiten heeft ontwikkeld, stelt be.Maintenance in staat om zijn posities op contracten voor concessies op lange termijn (25 of 30 jaar) te bevestigen. De nadruk zal worden gelegd op de ontwikkeling van partnerships die deze goede positionering versterken.
De synergie die de groep CFE in haar activiteiten heeft ontwikkeld, stelt be.Maintenance in staat om zijn posities op contracten voor concessies op lange termijn (25 of 30 jaar) te bevestigen.
Over de nieuwe tunnel onder de Krijgsbaan van de Antwerpse luchthaven vliegt een historisch vliegtuig met opengeklapt landingsgestel. Maar intussen kunnen er ook grotere vliegtuigen landen, zoals van het type Boeing en Airbus. Dat kan door de tunnel waaraan VMA momenteel werkt.
Vroeger moest het wegverkeer wachten als er een vliegtuig opsteeg of landde. Maar daarmee voldeed de luchthaven niet meer aan de internationale veiligheidsvoorschriften van de International Civil Aviation Organization (ICAO). Die schrijven voor dat luchthavens in het verlengde van hun start- en landingsbanen een obstakelvrije zone moeten hebben. Daar kunnen vliegtuigen in noodsituaties tot stilstand komen. Met
de komst van de 420 meter lange tunnel heeft Antwerp Airport nu zo'n zone bovenop de overkapping.
De tunnel is gebouwd volgens een volledig nieuw concept met de modernste technologieën op het gebied van veiligheid: van brandwerende binnenwanden en veiligheidscamera's, drukverhogingsgroep voor brandblusinstallatie, brede vluchtkokers en slagbomen aan de tunnelmonden tot een sensorsysteem dat de temperatuur en de hoeveelheid koolstofdioxide in de tunnel meet. De brandweer kan gebruik maken van synoptische borden, waarop de status van het hele beveiligingssysteem te zien is.
Er zijn mensen van andere bedrijven komen kijken naar de technieken van VMA. Die zeiden: "Hier moeten we toch zeggen 'wauw'." Dat geeft een goed gevoel.
Alle engineering, software ontwikkeling, visualisatie en uitvoering van de werken is de realisatie van VMA. De uitvoeringstermijn bedroeg amper 9 maand, dit was werkelijk een uitdaging gezien het volledige tunnelconcept opnieuw geëngineerd moest worden daar ondertussen de Europese tunnelwetgeving van kracht
was. Onze uitvoeringsploeg en software engineers hebben dan ook zeer hard gewerkt om de targets te behalen. Alles wat VMA doet is het werk van een groep. Van het studiebureau tot de mensen hier ter plaatse.
De afwerking is van hoge kwaliteit en is met een strakke symmetrie opgebouwd. De kabels zijn onzichtbaar want het oog wil ook wel wat.
Als de werkdag er bijna op zit vliegt er net een vliegtuig over.
Contracting
Jaarverslag 2015 82
RAIL INFRA & UTILITY NETWORKS
Na verscheidene jaren van groei kende ENGEMA Rail Seininrichting in 2015 een terugval van de activiteiten, grotendeels als gevolg van de beperking van de investeringen bij Infrabel. Het departement heeft onder meer verscheidene projecten gerealiseerd in het kader van het programma voor de spoorwegsignalisatie ETCS niveau 1. Het heeft de werken voor de concentratie van de wisselposten (zone Dendermonde) voortgezet en de laatste hand gelegd aan de werken voor het station Mouterij in Elsene. 2015 was een jaar van contrasten, met kleinere werven die werden uitgesteld en een terugval van de investeringen in nieuwe lijnen.
ENGEMA Rail Bovenleidingen heeft verscheidene werven in de omgeving van Brugge afgewerkt of voortgezet; het departement heeft ook een aantal elektrificatieprojecten gestart of hervat, zoals de vervanging van kabels of bovenleidingen in de stations van Brussel-Zuid, Ronet, Oostende en in de Gentse regio.
ENGEMA Montage kende een drukke activiteit, dankzij zijn deelname aan de werf Stevin in de streek van Brugge. Men moet nieuwe hoogspanningsleidingen installeren voor het vervoer van de elektriciteit van de windparken aan de kust.
Onder impuls van zijn nieuwe directie bevestigt ETEC zijn goede inplanting in Henegouwen, waar het in 2015 verscheidene werven uitvoerde: bovengrondse laagspannings- en hoogspanningsleidingen, openbare verlichting, ondergrondse elektriciteitskabels en gasleidingen…
In 2015 bleef het activiteitsniveau stabiel tegenover 2014. In het domein van de signalisatie heeft het bedrijf onder meer de seininrichting van spoorlijnen in de omgeving van Châtelet-Tamines gemoderniseerd en diverse werken uitgevoerd voor de concentratie van wisselposten in de zone NW-Dendermonde. Voor Brussels Airport heeft het de bebakening van de landingsbanen gerenoveerd en de bekabelings- en aansluitingswerken voor hoog- en laagspanningslijnen uitgevoerd. Verder bekabelde het gsm-masten voor Infrabel en verzorgde het de
elektrische aansluiting van verscheidene windparken.
In de activiteiten Telecom & Security voerde Louis Stevens & Co verscheidene contracten uit voor Infrabel, de NMBS, de MIVB en Tuc Rail: ICT-bekabeling met inbegrip van het leggen van glasvezelkabels, installatie van inbraakdetectiesystemen met camerabewaking (CCTV), branddetectie, toegangscontrole, inbraakdetectie, installatie van telefoonkabels in tunnels, informatiesystemen voor reizigers, plaatsing, bekabeling en aansluiting van ticketautomaten enz.
Ondanks de beperking van de budgetten bij Infrabel, zijn voornaamste klant, bleef Remacom in 2015 groeien en kon het zijn positie op de Belgische markt verstevigen. Het bedrijf bleef investeren in nieuwe uitrustingen, die het in staat stelden zijn omzet te verhogen. De teams hebben op verschillende werven gewerkt, zoals de renovatie van de lijn van de P-trein in Moeskroen en van de lijnen tussen Gent en Sint-Niklaas, de plaatsing van een Strail-overweg, de aanleg van een privéspoor voor het 'Kluizendok' en de plaatsing van dwarsliggers op een brug in Dudzele. Remacom start 2016 met een solide orderboek en goede vooruitzichten op nieuwe contracten.
Leeftijd 45 jaar Functie Projectleider bij Remacom, dat instaat voor de aanleg en het onderhoud van treinsporen
Motto 'Wij zijn Galliërs'
Het is mistig en de grond ligt er vochtig bij. Het is een graad of 7 à 8, maar de gevoelstemperatuur is 3 graden. Op het spoor richting Gent is een groep mannen in gele pakken druk in de weer met dwarsliggers, rails, verbindingen en bouten. Ze werken hard door, want maandagochtend voor dag en dauw moet alles klaar zijn.
Een van hen is Benny. Benny heeft er net de nacht op zitten, maar hij oogt nog altijd fris en monter. Sinds oktober 2015 werken hij en zijn collega's op de spoorlijn Antwerpen-Gent aan de vernieuwing van de wisselcomplexen. Al de hele maand zijn ze elke nacht bezig met de voorbereidende werken op deze plek. Dit is het tweede weekend dat ze er de uitvoerende werken doen. Benny zelf is er administratief al sinds vorig jaar mee in de weer.
"Dit weekend vernieuwen we twee wissels en vervangen we 700 meter rails. De sporen die we nu aangelegd hebben liggen 2 centimeter onder de oorspronkelijke toestand. Als het traject aangevuld is met ballast, komt er een trein die het hele spoor opheft en positioneert", legt Benny uit. "De ballast gaat dan automatisch onder de dwarsliggers. Als er daarna 100.000 ton over de sporen heeft gereden, kan er definitief onderstopt worden."
Spoorwerk gebeurt elke dag de klok rond. Het is bovendien veel nacht- en weekendwerk. "Het nachtwerk is soms zwaar, zowel fysiek als mentaal", vindt Benny. Toch kan hij het niet meer missen. "De spoorwereld is een aparte wereld. Je hebt een constante adrenalinekick omdat je moet zien dat alles er op tijd ligt. Maandagmorgen moet dit klaar zijn, zodat de treinen weer kunnen rijden. Hier kun je niets uitstellen. Onze arbeiders mogen tot de top in ons vak genoemd worden, zij staan er dag en nacht. Wij zijn Galliërs. We doen het samen en stimuleren elkaar. Het is een grote familie."
Weer of geen weer, het werk gaat altijd door. "Spoorinfrastructuurbeheerder Infrabel legt de buitendienststelling van de sporen waaraan wij werken lang van te voren vast. Regen, hagel of sneeuw, wij staan er", zegt Benny. "Onweer? Ook dan moeten we werken. Met die
bovenleidingen zijn we daartegen goed beveiligd. Maar het zal niet de eerste keer zijn dat we de sneeuw moeten wegblazen van de rails om de bevestigingen te kunnen zien".
Zijn voldoening haalt Benny uit het op tijd afkrijgen van het werk. "Het is zoals een wiskundige die een moeilijk vraagstuk probeert op te lossen. Wij proberen complexe verbindingen in elkaar te knutselen in een weekend tijd."
De spoormannen die dag en nacht en zaterdag en zondag steeds maar weer aan het werk zijn, zijn degenen die alle lof verdienen. Wat we zeker niet mogen vergeten, zijn de mensen achter de schermen. Zij verzetten massa's werk zodat alle werken kunnen doorgaan. Daarom dank aan alle administratieve krachten achter Remacom.
Jaarverslag 2015 86
Het luxe residentiële gebouw Baelskaai 12 te Oostende
2015 was voor de pool Vastgoedontwikkeling een jaar van continuïteit, maar werd ook gekenmerkt door het streven van BPI om naambekendheid te verwerven als ontwikkelaar op de Belgische, Luxemburgse en Poolse markt. Alle entiteiten van de pool dragen nu de naam BPI – BPI Polska, BPI Luxembourg, BPI België – en alle projecten worden onder het merk BPI ontwikkeld. In 2016 wordt de communicatie en het bedrijfsimago onder het label BPI verder uitgebouwd.
Deze belangrijke evolutie houdt verband met de herstructurering maar komt ook voort uit een nieuwe dynamiek bij de teams van de drie landen, die nu in synergie werken op verschillende vlakken zoals het beheer van de teams voor de woningverkoop. De meest geavanceerde teams – in dit geval de Poolse – laten op die manier de andere van hun competenties profiteren. In België heeft BPI het eerste residentiële programma met commercialisering door zijn eigen teams gelanceerd, het project Plaza op de site Erasmus Garden in Anderlecht. Dit heeft uiteraard een grote impact in termen van marketingcommunicatie.
Wat betreft de projecten heeft BPI een aantal activa van de hand gedaan die niet langer in de ontwikkelingsstrategie pasten. BPI zal zich voortaan concentreren op de ontwikkeling van de projecten die het meest relevant zijn voor het bedrijf, en op het zoeken naar nieuwe projecten vooral in Polen en België.
In Luxemburg sleepte BPI Luxemburg in 2015 en begin 2016 drie grote projecten in de wacht: de route d'Esch in Luxemburg-Stad, in Differdange en op het plateau van de Kirchberg. BPI Luxembourg hoopt in 2016 de vergunningen te kunnen neerleggen en te verkrijgen, zodat het in 2017 aan de slag kan. Het project Kons, dat voorverhuurd is aan ING en al een koper heeft gevonden, moet eind 2016 worden opgeleverd. De vooruitzichten in Luxemburg zijn dus gunstig.
Dat geldt ook voor Polen, waar de in Gdansk (4 Oceans) en Warschau (Wola Libre) gelanceerde projecten veelbelovend zijn voor 2016 en 2017. Daarnaast wordt eind 2016 een uitzonderlijk project gelanceerd dat BPI Polska een sterke positie op de Poolse markt zal bezorgen.
In België, ten slotte, verwacht men dit jaar vergunningen te verkrijgen voor verscheidene projecten in Oostende, Brussel, Luik, Hasselt... Ze zouden dan in de loop van 2016 kunnen worden gestart, met positieve vooruitzichten voor 2017. BPI zou binnenkort ook een of twee gemengde stedelijke projecten in de wacht moeten slepen die perfect passen in zijn Belgische strategie.
Fabien De Jonge
Financieel en administratief directeur van de groep CFE
Frederik Lesire Bestuurder directeur van BPI Polska
Technisch directeur & kwaliteitscontrole
Secretaris-generaal
Gedelegeerd bestuurder van BPI
Nathalie Bastogne Financieel en administratief verantwoordelijke
Philippe Sallé
Project Development Manager
Arnaud Regout Bestuurder directeur van BPI Luxemburg
BPI Luxembourg verzekert de ontwikkeling van het project Kons in Luxemburg. Deze werf gelegen heden en handelszaken opleveren. haar Luxemburgse hoofdkwartier zal De werf ligt in het hart van de stad Luxemburg en kijkt uit op het station, aan de overkant van het plein. Het is een ideale locatie. "De eigenaar van het gebouw is AXA, maar ING wordt de grootste huurder en zal hier haar Luxemburgs hoofdkwartier vestigen," vertelt Grégoire, Directeur Ontwikkeling bij BPI Luxembourg. "Wij zijn belast met de verhuring van de ruimten, onder een systeem van huurgarantie. Dat betekent concreet dat wij zelf huur aan de eigenaar moeten betalen voor de ruimten waar we geen afnemer voor zouden vinden. Maar dankzij de ideale ligging is de vraag naar
dit soort ruimten buitengewoon groot. Wij krijgen elke week ten minste drie spontane voorstellen om winkelruimten te huren."
De stationswijk in Luxemburg is inderdaad heel erg in trek. Dat komt enerzijds omdat de stad met ongeveer 150.000 grensarbeiders niet aan de verkeersproblemen ontsnapt. De werkgevers weten dat en beseffen dat een kantoorgebouw in de onmiddellijke omgeving van het station hun medewerkers blij zal maken. Ze zullen dan minder gestrest zijn… en beter werken. Anderzijds is dit een charmante wijk die
Directeur Ontwikkeling
wie ze krijgt."
Jaarverslag 2015 92
haar historische wortels heeft bewaard, compleet met typische winkels die hun trouwe klanten hebben. De mensen kijken er niet van op wanneer ze bij de slager of de bakker hun burgemeester ontmoeten. We zijn hier in het hart van het authentieke Luxembourg.
BPI Luxembourg pakt projecten van dit type al in een vroeg stadium aan. "Normaal begint ons werk met het zoeken van het terrein. We bestuderen de stedenbouwkundige regels, ramen de kosten en voeren haalbaarheidsberekeningen uit. Voor het project Kons hebben we een bestaand project gekocht en vervolgens de architecten en de studiebureaus gecoördineerd. Wij hebben de opdracht om ervoor te zorgen dat het gebouw bij zijn oplevering optimaal verhuurd is," vervolgt Grégoire.
Zodra de bouwcontracten getekend zijn, volgt BPI Luxembourg als opdrachtgever zorgvuldig alle stappen van de werf. Dat omvat onder meer de goedkeuring van
de materialen die de architecten en de bouwbedrijven voorstellen.
Het project Kons is goed voor 14.600 m² kantoren, 2.400 m² commerciële oppervlakte en 3.500 m² wooneenheden. Het gebouw heeft ook 235 parkeerplaatsen. Eind februari was slechts 2.500 m² kantooroppervlakte nog vrij en begon BPI Luxembourg vastgoedkantoren te selecteren voor de verdere verhuring. Het beheer van het gebouw wordt eveneens aan een derde toevertrouwd.
"De wooneenheden zijn voornamelijk appartementen met één slaapkamer. Wij wachten tot het laatste kwartaal voor de oplevering voor we huurders zoeken," legt Grégoire uit. "De vraag naar dit soort appartementen is zeer groot. Het is in Luxemburg geen zeldzaamheid dat consultingbedrijven volledige appartementsgebouwen huren om hun stagiaires onderdak te geven. De uitzonderlijke ligging van dit gebouw zou veel kandidaten moeten aantrekken."
De commerciële oppervlakte omvat onder meer een supermarkt, verscheidene broodjeszaken, een boekhandel en een kapsalon. Daar gaat de werfvergadering die we bijwonen trouwens over: een kandidaat-huurder zou een wellness center met een spa en een jacuzzi willen openen. Er wordt overlegd over de beste oplossingen, vooral op het vlak van de waterafvoer, om aan de verwachtingen van de klant te voldoen.
Na de herorganisatie van de groep CFE heeft BPI zijn financiële structuur en zijn visibiliteit versterkt en houdt het nu het geheel van de vastgoedactiva. De onderneming heeft een intern commercieel verkoopteam samengesteld om haar residentiële markt uit te breiden. De huidige projecten voldoen aan criteria inzake kwaliteit, duurzaamheid en integratie in de omgeving, en zijn een bron van waarde voor zowel de investeerders als de betrokken wijken. De toekomst ziet er goed uit, met in 2016 de lancering van verscheidene nieuwe werven en de voortzetting van projecten in ontwikkeling.
De reconversie van het voormalige kantoorgebouw Ernest Solvay in Elsene in een gemengd project dat perfect in de stedelijke omgeving past, is een onmiskenbaar succes: het rusthuis werd opgeleverd aan Orpea, de 95 studentenwoningen werden opgeleverd aan een privé-investeerder en bijna 75% van de 110 appartementen is al verkocht. 2015 was ook het jaar van het project Erasmus, één van de grootste privé-initiatieven (150.000 m2) in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Verkoopovereenkomsten met verschillende investeerders werden afgesloten,
2015 was ook het jaar van het project Erasmus, één van de grootste privé-initiatieven in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
de voorverkoop van de eerste fase woningen ging van start en de volledige site werd bouwrijp gemaakt.
In Oostende bereikte het project Oosteroever, de reconversie van een voormalige havenzone in een woonzone, een belangrijke mijlpaal met de realisatie van het eerste gebouw en de oplevering van de eerste appartementen (90% van de appartementen is verkocht). De bouw van de tweede fase gaat verder (80% van de appartementen is verkocht). De derde fase is voor het voorjaar van 2016 gepland. Verscheidene andere residentiële projecten zijn eveneens goed gevorderd, zoals het project 'Chaudron' in Anderlecht en 'Les Hauts Prés' in Ukkel.
Na de ondertekening van de overeenkomst met de Stad Brussel voor het grootschalige gemengde project Mall of Europe werden de stedenbouwkundigeen milieucertificaten voor de bouw van het grootste winkelcentrum van Brussel en van 590 wooneenheden volgens de overeengekomen timing ingediend. Het stedenbouwkundige proces voor het project Victor, in Anderlecht, wordt voortgezet en een bouwvergunning is verkregen voor het kantoorproject Ernest (13.000 m2), het eerste lage-energiegebouw in de Luikse regio.
BPI Luxembourg leverde in 2015 de projecten Green Hill, EdenGreen en G4S op en verwierf verscheidene nieuwe grondposities, terwijl de bouw van het project Kons werd voortgezet. Het was dus een jaar van consolidatie van de fundamentals. De onderneming wil in 2016 haar positie versterken met nieuwe aankopen. Dit jaar zou het gebouw Kons moeten worden opgeleverd aan ING en AXA, en zouden de laatste percelen van Bettembourg moeten worden verkocht.
De laatste van de 174 appartementen van het grote residentiële complex Green Hill, waarvan de bouw in 2011 begon, werden opgeleverd. Ook de nieuwe kantoren en ateliers van G4S in Gasperich werden voltooid, met inbegrip van de omgeving en de parkings, net als de serviceresidentie EdenGreen met 72 appartementen en 4 handelszaken in Bettembourg.
De bouw van Kons, een project met kantoren, wooneenheden en handelszaken tegenover het station van Luxemburg, werd voorgezet. Een voorverhuring van 12.500 m2 werd ondertekend met ING, dat er haar zetel zal vestigen. Het jaar 2015 was gewijd aan de uitvoering van de werken en de verhuring van de commerciële ruimten.
De firma M1 sa, een vereniging van BPI, Immobel en de Groupe Giorgetti, heeft twee belangrijke acquisities uitgevoerd:
een grondpositie aan de route d'Esch in Luxemburg-Stad, waar men 35.000 m2 wooneenheden, winkels
en kantoren zal bouwen. Er is een architectenwedstrijd uitgeschreven en de werken zouden in 2017 moeten starten;
en een grondpositie in Differdange, voor de bouw van 5.000 m2 wooneenheden en 2.000 m2 handelszaken. De werken zouden eind 2016 moeten aanvangen.
BPI Polska heeft verscheidene mooie projecten gelanceerd, voornamelijk op de residentiële markt. Het bedrijf heeft met succes de commercialisering gestart van het nieuwe project Wola Libre in Warschau, goed voor 274 appartementen en 3.000 m2 commerciële oppervlakte. De werf wordt voorbereid en de bouw zal in het eerste kwartaal van 2016 aanvangen. Ook de commercialisering van de derde toren van het project 4 Oceans in Gdansk was een mooi succes. CFE Polska startte in het voorjaar van 2015 met de bouw waarvan 120 van de 190 appartementen reeds zijn verkocht. In oktober gingen de werken aan de vierde en laatste toren van start.
BPI Polska ontwikkeld ook een gemengd project met wooneenheden en handelszaken op een vorig jaar aangekochte grondpositie van 1 ha in het centrum van Wroclaw. Het heeft een bouwvergunning voor de eerste fase van dit emblematische project aangevraagd, zodat de commercialisering volgend voorjaar zou kunnen starten.
Ten slotte heeft BPI alle 185 appartementen van de tweede toren van het project 4 Oceans in Gdansk en bijna alle 159 appartementen van het project Wola Tarasy in Warschau verkocht.
In 2016 zal het bedrijf de commercialisering en realisatie van diverse lopende projecten lanceren of voortzetten, terwijl het zeer actief op zoek blijft naar nieuwe acquisities.
Sogesmaint en zijn Luxemburgse filiaal hebben hun activiteiten in vastgoedbeheer voortgezet. Begin 2016 ging Michel Guillaume, de stichter en historische leider van Sogesmaint, met pensioen.
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.