AI Terminal

MODULE: AI_ANALYST
Interactive Q&A, Risk Assessment, Summarization
MODULE: DATA_EXTRACT
Excel Export, XBRL Parsing, Table Digitization
MODULE: PEER_COMP
Sector Benchmarking, Sentiment Analysis
SYSTEM ACCESS LOCKED
Authenticate / Register Log In

bpost SA/NV

Quarterly Report Aug 6, 2014

3922_ir_2014-08-06_7ab06020-e3be-408c-ae22-09f299ce57d3.pdf

Quarterly Report

Open in Viewer

Opens in native device viewer

2014

Halfjaarlijks financieel rapport

Dit rapport bevat gereglementeerde informatie zoals gedefinieerd in het Koninklijk Besluit van 14 november 2007.

Inhoud

1 Financiële kerncijfers
_______
3
2 Blikvangers
_________
4
3 Belangrijkste gebeurtenissen met betrekking tot het tweede kwartaal 2014_ 5
4 Wijzigingen in Corporate Governance
______
6
5 Financiële analyse__________ 7
5.1 Tussentijdse geconsolideerde resultatenrekening
______
7
5.2 Tussentijdse geconsolideerde balans
__________
13
5.3 Tussentijds geconsolideerd kasstroomoverzicht_______ 15
5.4 Reconciliatie van gerapporteerde naar genormaliseerde financiële cijfers
___
16
5.5 Van IFRS geconsolideerde nettowinst naar niet-geconsolideerde BGAAP nettowinst 18
6 Vooruitzichten
____________
20
7 Tussentijdse geconsolideerde resultatenrekening
________
22
8 Tussentijds overzicht van de gerealiseerde en de niet-gerealiseerde resultaten
___
23
9 Tussentijdse geconsolideerde
balans
______
24
10 Tussentijds mutatieoverzicht van het eigen vermogen_____ 25
11 Tussentijds geconsolideerd kasstroomoverzicht____ 26
12 Toelichting bij
de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële jaarrekening
_
28
12.1 Bedrijfsinformatie
_____________
28
12.2 Basis voor de voorbereiding en de boekhoudkundige principes______ 28
12.3 Spreiding van de activiteiten over het jaar
_____
30
12.4 Samenvatting van de belangrijkste boekhoudkundige principes
_____
30
12.5 Bedrijfscombinaties____________ 31
12.6 Bedrijfssegmenten_____________ 31
12.7 Omzet
___________
33
12.8 Overige bedrijfsopbrengsten
__________
33
12.9 Niet in de balans opgenomen verplichtingen en onvoorziene activa
__
33
12.10 Belangrijke gebeurtenissen na balansdatum
_________
34
13 Verklaring van de wettelijke vertegenwoordigers_________ 35
14 Verklaring van beperkt nazicht___________ 36

1 Financiële kerncijfers

GENORMALISEERD Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2013 EVOLUTIE
%
2014 2013 EVOLUTIE
%
Totaal bedrijfsopbrengsten (Inkomsten) (1) 1.240,2 1.221,1 1,6% 613,5 603,0 1,7%
Bedrijfsresultaat (EBIT) (2) 294,4 267,8 9,9% 142,3 128,9 10,5%
Winst van de periode (EAT) (3) 192,1 166,9 15,1% 93,2 82,1 7,6%
Operationele vrije kasstroom (4) 363,6 238,9 52,2% (4,0) (19,2) -79,3%
GERAPPORTEERD Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2013 EVOLUTIE
%
2014 2013 EVOLUTIE
%
Totaal bedrijfsopbrengsten (Inkomsten) 1.240,2 1.235,7 0,4% 613,5 603,0 1,7%
Bedrijfsresultaat (EBIT) 294,4 282,4 4,3% 142,3 128,9 10,5%
Winst van de periode (geconsolideerd –
IFRS) 192,1 181,5 5,8% 93,2 82,1 13,5%
Nettowinst bpost NV (niet-geconsolideerd
– BGAAP) 171,5 130,7 31,2% 84,2 60,5 39,0%
Operationele vrije kasstroom (5) 363,4 115,8 213,8% (4,0) (53,4) -92,5%
Nettoschuld/(Netto geldmiddelen) (6), per
30 juni (684,3) (537,9) 27,2% (684,3) (537,9) 27,2%
Gewone winst per aandeel (7), in EUR 0,95 0,90 5,6% 0,46 0,41 12,2%
Aantal VTE en interim (gemiddeld) 25.201 26.220 -3,9% 25.259 26.259 -3,8%

(1) Genormaliseerde totale bedrijfsopbrengsten vertegenwoordigen de totale bedrijfsopbrengsten exclusief de impact van eenmalige elementen en zijn niet geauditeerd.

(2) Genormaliseerde EBIT vertegenwoordigt de winst uit bedrijfsactiviteiten exclusief de impact van eenmalige elementen en is niet geauditeerd.

(3) Genormaliseerde winst van de periode vertegenwoordigt de winst voor de periode exclusief de impact van eenmalige elementen en is niet geauditeerd.

(4) Genormaliseerde operationele vrije kasstroom vertegenwoordigt de operationele vrije kasstroom exclusief de impact van eenmalige elementen en is niet geauditeerd.

(5) Operationele vrije kasstroom vertegenwoordigt de netto kasstroom van operationele activiteiten minus de netto kasstroom van investeringsactiviteiten.

(6) Netto schuld/(Netto geldmiddelen) bestaat uit rentedragende en niet-rentedragende leningen verminderd met geldmiddelen en kasequivalenten.

(7) De winst per aandeel is berekend op basis van het aantal aandelen na de aandelensplitsing, dewelke goedgekeurd werd op de buitengewone aandeelhoudersvergadering van 27 mei 2013 en resulteerde in een totaal van 200.000.944 aandelen.

Voor verdere details met betrekking tot de reconciliatie van gerapporteerde naar genormaliseerde financiële cijfers verwijzen we naar sectie "reconciliatie van gerapporteerde naar genormaliseerde financiële cijfers" van dit document.

2 Blikvangers

  • De totale bedrijfsopbrengsten (inkomsten) bedroegen 613,5 miljoen EUR voor het kwartaal, een lichte stijging met 8,1 miljoen EUR op organische basis. Hierdoor komt de organische groei voor het eerste semester van 2014 op 1,2% tegenover vorig jaar.
  • De daling van het volume domestic mail bedroeg -3,6% op een gerapporteerde basis; rekening houdend met de positieve volume impact van de verkiezingen. Op een onderliggende basis (d.i. zonder positieve impact van verkiezingen) bedroeg de daling voor het kwartaal -5.1%, hieruit blijkt een verslechtering van de trends die in het eerste kwartaal voor transactional mail werden waargenomen. Dit brengt de daling in de eerste jaarhelft naar -4.9%.
  • De groei bij parcels bedroeg 9,1 miljoen EUR op een organische basis, met een onderliggende volumestijging van 4,7% bij domestic parcels. International parcels bleven fors groeien, hoewel iets minder sterk dan in het eerste kwartaal van 2014, voornamelijk ingevolge een vertraagde groei van verzendingen naar China.
  • Andere inkomstenbronnen deden het goed met een organische groei van 5,0 miljoen EUR voor het kwartaal.
  • De kosten bleven onder controle met een organische daling van 3,6 miljoen EUR voor het kwartaal of zelfs 11,3 miljoen EUR als de transportkosten niet worden meegerekend. De tegenovergestelde effecten van de vermindering met 1 061 VTE tegenover hetzelfde kwartaal vorig jaar en van de loonsverhogingen die in de collectieve arbeidsovereenkomst werden overeengekomen, resulteerden in een daling van de loon- en interimkosten met 4,5 miljoen EUR voor het kwartaal. Transportkosten stegen met 7,7 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de groei van onze internationale activiteiten.
  • De EBITDA-marge voor het kwartaal verbeterde tot 26,7% (+1,5 percentpunten tegenover hetzelfde kwartaal vorig jaar) en bedroeg 163,6 miljoen EUR. Voor het eerste semester van het jaar bereikte EBITDA 336,6 miljoen EUR (+25,2 miljoen EUR tegenover het eerste semester van 2013).
  • We verwachten dat we voor het volledige jaar 2014 inkomsten kunnen bekendmaken die in lijn liggen met vorig jaar. De operationele resultaten voor het tweede semester van het jaar zouden in lijn moeten zijn met die van vorig jaar. Het volume domestic mail zou dit jaar tot -5,5% kunnen achteruitgaan en de groei bij domestic parcels zou minstens in lijn moeten liggen met de evolutie die in het eerste semester werd waargenomen.

3 Belangrijkste gebeurtenissen met betrekking tot het tweede kwartaal 2014

De directie van bpost en de sociale partners hebben in het paritair comité unaniem een akkoord bereikt over een nieuwe collectieve arbeidsovereenkomst voor de periode 2014- 2015.

Net als in de voorbije collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) zijn er afspraken gemaakt rond een mogelijke uitbetaling van een niet-recurrente bonus gekoppeld aan de resultaten van 2014-2015. Er zijn ook een reeks maatregelen overeengekomen ter verbetering van het stelsel van de hulppostmannen, meer bepaald betreffende maaltijdcheques en eindejaarstoelage. De cijfers van het tweede kwartaal worden beïnvloed door deze nieuwe CAO.

4 Wijzigingen in Corporate Governance

Door de benoeming van Koen Van Gerven als CEO van bpost, kwam zijn vorige positie als Mail and Retail Solutions Director en als lid van het Directiecomité van bpost vrij.

Op unanieme aanbeveling van het Bezoldigings- en Benoemingscomité heeft de Raad van Bestuur besloten om Marc Huybrechts te benoemen als Directeur Mail and Retail Solutions en als lid van het Directiecomité van bpost. Hij zal zijn functie opnemen op 1 september 2014.

Peter Somers, lid van het Group Executive Management en verantwoordelijk voor de business unit Parcels & International, heeft bpost op 31 juli 2014 verlaten. Kurt Pierloot, verantwoordelijk voor Mail Service Operations, zal tijdelijk de internationale activiteiten leiden. De parcels divisie zal rechtstreeks rapporteren aan de CEO.

5 Financiële analyse

5.1 Tussentijdse geconsolideerde resultatenrekening

De volgende tabel toont de financiële resultaten van bpost voor het voor het eerste semester en het tweede kwartaal van 2014 en 2013:

Totaal van het jaar 2de kwartaal
2014 2013 EVOLUTIE 2014 2013 EVOLUTIE
In miljoen EUR % %
Omzet 1.231,7 1.214,1 1,5% 609,2 600,4 1,5%
Overige bedrijfsopbrengsten 8,5 21,6 -60,6% 4,2 2,5 66,4%
Totaal bedrijfsopbrengsten 1.240,2 1.235,7 0,4% 613,5 603,0 1,7%
Materiaalkost (15,1) (15,3) -1,2% (7,1) (7,5) -5,8%
Diensten en diverse goederen (292,4) (291,4) 0,3% (146,4) (141,7) 3,3%
Personeelskosten (595,3) (606,8) -1,9% (294,3) (300,4) -2,0%
Overige bedrijfskosten (0,8) 3,9 -120,8% (2,1) (1,7) 24,6%
Afschrijvingen en
waardeverminderingen
(42,2) (43,6) -3,3% (21,2) (22,9) -7,2%
Totaal bedrijfskosten (945,8) (953,3) -0,8% (471,1) (474,1) -0,6%
Bedrijfsresultaat (EBIT) 294,4 282,4 4,3% 142,3 128,9 10,5%
Financiële opbrengsten 2,1 1,2 73,5% 0,9 0,4 123,6%
Financiële kosten (13,7) (5,0) 174,7% (10,4) (2,6) 308,0%
Aandeel in het resultaat van
geassocieerde deelnemingen
6,3 12,2 -48,3% 2,7 9,7 -72,2%
Resultaat uit gewone
Belastingen (97,0) (109,3) -11,3% (42,3) (54,3) -22,0%
bedrijfsuitvoering
Nettoresultaat van de periode
289,0
192,1
290,7
181,5
-0,6%
5,8%
135,5
93,2
136,4
82,1
-0,7%
13,5%

Totale bedrijfsopbrengsten (inkomsten)

De volgende tabel toont een opsplitsing per product van de totale bedrijfsopbrengsten van bpost voor de de eerste zes maanden van het jaar en het tweede kwartaal van 2014 en 2013:

Totaal van het jaar 2de kwartaal
EVOLUTIE EVOLUTIE
In miljoen EUR 2014 2013 % 2014 2013 %
Domestic Mail 771,9 788,6 -2,1% 385,1 393,5 -2,1%
Transactional Mail 474,7 489,2 -3,0% 235,8 244,9 -3,7%
Advertising Mail 141,6 141,5 0,1% 71,4 70,1 1,9%
Press 155,6 157,9 -1,5% 77,9 78,6 -0,9%
Parcels 144,2 115,6 24,7% 70,8 59,7 18,6%
Additional sources of revenues and retail
network 306,0 314,0 -2,5% 151,3 146,7 3,1%
Value-added services 48,7 42,9 13,5% 24,1 20,6 17,0%
International Mail 99,9 98,7 1,2% 49,6 46,6 6,4%
Banking and Financial products 104,4 104,6 -0,2% 52,0 52,6 -1,1%
Overige 53,1 67,8 -21,7% 25,6 27,0 -5,2%
Corporate (aansluitpost) 18,1 17,4 4,0% 6,3 3,1 103,2%
Totaal bpost 1.240,2 1.235,7 0,4% 613,5 603,0 1,7%

De totale bedrijfsopbrengsten stegen met 10,5 miljoen EUR, hetzij 1,7%, tot 613,5 miljoen EUR in het tweede kwartaal van 2014, tegenover 603,0 miljoen EUR in dezelfde periode van 2013.

De gewijzigde samenstelling van de groep als gevolg van de integratie van de onlangs overgenomen bedrijven Ecom, Starbase, Gout International en BEurope Consultancy leverde een positieve bijdrage aan de bedrijfsinkomsten van 2,4 miljoen EUR gedurende het tweede kwartaal van 2014.

Als we deze elementen niet in aanmerking nemen, dan vertoonden de totale bedrijfsopbrengsten (inkomsten) een organische groei van 8,1 miljoen EUR, als gevolg van de sterke prestaties van Parcels en de goede prestaties bij International Mail en Value added services, gecompenseerd door de volumedaling bij Domestic Mail.

De inkomsten uit Domestic mail daalden met 8,4 miljoen EUR, hetzij 2,1%, van 393,5 miljoen EUR in het tweede kwartaal van 2013 tot 385,1 miljoen EUR in het tweede kwartaal van 2014. De verkiezingen hadden een positieve impact van 4,6 miljoen EUR in het tweede kwartaal van 2014 en had een invloed op Transactional Mail en Advertising Mail met respectievelijk 0,7 miljoen EUR en 3,9 miljoen EUR. De organische evolutie is voornamelijk het gevolg van de volumedaling met 5,1%, hetzij 17,8 miljoen EUR, gedeeltelijk gecompenseerd door de nettoverbetering van de prijs en de mix, ten bedrage van 4,8 miljoen EUR. De prijsverhoging wordt negatief beïnvloed door promoties en productmixen doordat klanten overstappen naar goedkopere producten of het gewicht van hun mailings verlagen om de kosten te verminderen. De slechter wordende trend in Transactional Mail zette zich door, waarbij klanten trachtten om het postverbruik te verminderen en bepaalde grote verzenders meer agressieve maatregelen doorvoeren. Advertising mail bleef de advertising markt dit kwartaal volgen aangezien de onderliggende volume evolutie -3,6% bedroeg.

Parcels bleven sterk presteren en realiseerden een inkomstenstijging van 11,1 miljoen EUR, hetzij 18,6%. De integratie van nieuwe bedrijven in de samenstelling van de groep droeg voor 2,0 miljoen EUR bij tot deze stijging. De organische groei (9,1 miljoen EUR) is toe te schrijven aan:

  • de goede prestaties van International Parcels (droegen voor 7,7 miljoen EUR bij tot de stijging), als gevolge van de stijging van de vanuit de VS gegenereerde parcels volumes (4,1 miljoen EUR). De rest van de groei werd voornamelijk gegenereerd door de parcels activiteiten vanuit China (2,2 miljoen EUR, vooral Chinese e-tailers die exporteren naar Europa) en naar China (0,9 miljoen EUR, hoofdzakelijk melkpoeder).
  • Een onderliggende stijging met 4,7 % in de volumes Domestic Parcels. Er wordt een kleine vertraging van de groei vastgesteld als gevolg van de daling bij C2C en postorderbedrijven, samen met een algemene kleine vertraging in de volumestijging door onze klanten. De gerapporteerde volumestijging van Domestic Parcels bedroeg 6,0%. Het onderliggende volumecijfer werd beïnvloed door de terugname van faseringseffecten bij het boeken van inkomsten tussen het eerste en het tweede kwartaal van 2013. Daarnaast werd er een positief prijs/mix-effect gerealiseerd van 0,6 %.
  • licht gecompenseerd door een daling van de Special Logistics activiteiten (1,0 miljoen EUR), als gevolg van het stopzetten van de activiteiten op het vlak van distributie en opslag.

De totale bedrijfsopbrengsten uit additional sources of revenues and retail network stegen met 4,6 miljoen EUR, hetzij 3,1%. Als we de impact van de gewijzigde samenstelling van de groep en een overheveling van een andere rapporteringslijn buiten beschouwing laten, dan stegen de inkomsten met 5,0 miljoen EUR. Ondanks de minder gunstige afrekeningen met buitenlandse operatoren van de eindrechten van vorige jaren (2,0 miljoen EUR), stegen de inkomsten die toerekenbaar zijn aan International Mail met 3,1 miljoen EUR. De impact van de verkiezingen in deze groei bedraagt 0,4 miljoen EUR. Value added services kenden een organische groei van 2,3 miljoen EUR dankzij de Europese nummerplaten, de inschrijvingsbewijzen voor auto's, het digitaal afdrukken van tijdschriften en SEPA-activiteiten.

De totale bedrijfsopbrengsten die toerekenbaar zijn aan Corporate stegen met 3,2 miljoen EUR tot 6,3 miljoen EUR in het tweede kwartaal van 2014, voornamelijk ingevolge de verkoop van gebouwen in combinatie met de erkenning van opbrengsten en een overheveling vorig jaar naar bijkomende inkomstenbronnen gerelateerd aan douanediensten.

Voor de eerste zes maanden van 2014 bedroegen de totale bedrijfsopbrengsten 1.240,2 miljoen EUR, d.i. een stijging met 4,5 miljoen EUR. Als we de winst uit de verkoop van bepaalde activiteiten van Certipost, die eenmalige inkomsten genereerde ten bedrage van 14,6 miljoen EUR tijdens het eerste kwartaal van 2013 en wijzigingen in de samenstelling van de groep (4,5 miljoen EUR) buiten beschouwing laten, dan stegen de totale bedrijfsopbrengsten met 14,6 miljoen EUR. De organische groei van de inkomsten bij de Parcels (24,9 miljoen EUR) en de inkomsten bij de Value added services (4,6 miljoen EUR) compenseren ruimschoots de inkomstenverliezen bij Domestic Mail.

Bedrijfskosten

In het tweede kwartaal van 2014 daalden de bedrijfskosten, met inbegrip van afschrijvingen en waardeverminderingen, globaal met 3,0 miljoen EUR van 474,1 miljoen EUR in 2013 naar 471,1 miljoen EUR in 2014, hetzij 0,6%. De gewijzigde samenstelling van de groep (nettostijging van de kosten met 2,3 miljoen EUR ingevolge de overname van 4 nieuwe dochterbedrijven) buiten beschouwing gelaten, daalden de bedrijfskosten met 5,3 miljoen EUR, hetzij 1,1% in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. Deze daling is voornamelijk toe te schrijven aan de afname van de loonkosten en de kosten voor uitzendarbeid met 4,5 miljoen EUR, alsook aan de daling van de kosten voor afschrijvingen en waardeverminderingen met 1,7 miljoen EUR. Deze impact wordt gedeeltelijk gecompenseerd door een stijging van de overige bedrijfskosten (0,4 miljoen EUR) en van diensten en diverse goederen (met uitzondering van de kosten voor uitzendarbeid) met 1,3 miljoen EUR.

In het eerste semester van 2014 bedroegen de bedrijfskosten, met inbegrip van afschrijvingen en waardeverminderingen, 945,8 miljoen EUR (tegenover 953,3 miljoen EUR voor 2013), een daling met 7,5 miljoen EUR of 0,8% ten opzichte van vorig jaar. De gewijzigde samenstelling van de groep (nettostijging van de kosten met 4,4 miljoen EUR ingevolge de overname van 4 nieuwe dochterbedrijven) buiten beschouwing gelaten, daalden de bedrijfskosten met 11,9 miljoen EUR of 1,2%. Deze daling is voornamelijk terug te vinden in de loonkosten en de kosten voor uitzendarbeid (12,8 miljoen EUR), alsook bij diensten en diverse goederen (1,6 miljoen EUR, uitzendarbeid niet inbegrepen), gedeeltelijk gecompenseerd door de overige bedrijfskosten (4,6 miljoen EUR). De onderliggende kosten voor afschrijvingen en waardeverminderingen daalden met 1,5 miljoen EUR.

Materiaalkosten

De materiaalkosten, waaronder de kosten voor grondstoffen, verbruiksgoederen en handelsgoederen, daalden met 0,2 miljoen EUR, hetzij 1,2%, tot 15,1 miljoen EUR voor het eerste semester van 2014. In het tweede kwartaal daalden de materiaalkosten met 0,4 miljoen EUR, hetgeen overeenkomt met een daling met 5,8% in vergelijking met dezelfde periode van 2013.

Diensten en diverse goederen

De volgende tabel toont een opsplitsing van de kosten voor diensten en diverse goederen voor de zes maanden van het jaar en het tweede kwartaal van 2014 en 2013:

Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2013 EVOLUTIE % 2014 2013 EVOLUTIE %
Huur en huurkosten 34,3 34,3 0,0% 17,2 17,3 -0,7%
Onderhoud en herstellingen 36,0 34,4 4,6% 17,9 16,8 6,6%
Levering van energie 19,2 21,1 -9,0% 9,0 9,8 -8,2%
Andere goederen 9,6 9,6 0,5% 4,6 4,7 -2,1%
Post- en telecommunicatiekosten 2,7 3,3 -17,3% 1,1 1,6 -31,2%
Verzekeringskosten 6,4 7,7 -16,9% 3,0 3,8 -20,2%
Transportkosten 99,0 83,4 18,7% 48,4 39,6 22,2%
Reclame- en advertentiekosten 6,4 9,5 -32,8% 3,1 4,9 -35,9%
Consultancy 5,2 8,4 -38,2% 3,4 4,1 -16,0%
Uitzendarbeid
Beloningen aan derden,
15,0 15,5 -2,9% 9,3 7,3 27,0%
honoraria 49,3 55,6 -11,3% 24,5 27,2 -10,1%
Overige goederen en diensten 9,2 8,5 7,5% 4,9 4,5 7,2%
Totaal 292,4 291,4 0,3% 146,4 141,7 3,3%

In het tweede kwartaal van 2014 vertoonden diensten en diverse goederen, de kosten voor uitzendarbeid niet meegerekend,1 een stijging met 2,7 miljoen EUR van 134,4 miljoen EUR naar 137,1 miljoen EUR, d.i. een stijging met 2%. Als we de invloed van de gewijzigde samenstelling van de groep (1,5 miljoen EUR, voornamelijk transportkosten ingevolge de overname van 4 nieuwe

1 De kosten voor uitzendarbeid worden samen met de loonkosten geanalyseerd, aangezien ze een betere performantie-indicator voor het inzetten van menselijk kapitaal zijn. Bij bepaalde gevallen van natuurlijke afvloeiing wordt het personeel vervangen door tijdelijke personeelsleden om te anticiperen op reorganisaties en op programma's voor productiviteitsverbetering.

dochterbedrijven) buiten beschouwing laten, dan stegen de kosten voor goederen en diensten, de kosten voor uitzendarbeid niet meegerekend, met 1,3 miljoen EUR.

De kosten voor onderhoud en herstellingen stegen in het tweede kwartaal met 1,1 miljoen EUR (6,6%). Dit effect werd veroorzaakt door hogere onderhoudskosten voor voertuigen aangezien de gemiddelde leeftijd van de bestelwagens stijgt. Deze negatieve impacten werden gedeeltelijk gecompenseerd door lagere kosten gerelateerd aan gebouwen.

De kosten voor de levering van energie vertoonden een positieve evolutie en daalden in het tweede kwartaal van 2014 met 0,9 miljoen EUR in vergelijking met dezelfde periode van 2013. Deze verbetering is hoofdzakelijk toe te schrijven aan de positieve evolutie van de brandstofprijzen.

In het tweede kwartaal van 2014 waren de transportkosten 48,4 miljoen EUR of 22,2% (8,8 miljoen EUR) meer dan gedurende dezelfde periode in 2013. Dit is het gevolg van de toename van de internationale activiteiten, de consolidatie van de nieuwe aangekochte dochterondernemingen (1,0 miljoen EUR) en minder gunstige afrekeningen van de eindrechten van vorige jaren in het tweede kwartaal van 2014 (1,2 miljoen EUR) in vergelijking met het tweede kwartaal van 2013.

Reclame- en advertentiekosten daalden in het tweede kwartaal van 2014 van 4,9 miljoen EUR naar 3,1 miljoen EUR (daling met 1,8 miljoen EUR).

Dankzij kostenopvolgingsprogramma's daalden de kosten voor consultancy met 0,7 miljoen EUR; van 4,1 miljoen EUR in 2013 naar 3,4 miljoen EUR voor het tweede kwartaal 2014.

Kosten voor beloningen aan derden daalden in het tweede kwartaal van 2014 met 2,8 miljoen EUR, hetzij 10%, in vergelijking met de overeenstemmende periode van 2013. Deze daling is toe te schrijven aan het feit dat er minder beroep werd gedaan op externe IT-experten voor het ontwikkelen en het implementeren van softwaretoepassingen.

In het eerste semester van 2014 stegen de kosten voor diensten en diverse goederen (kosten voor uitzendarbeid niet meegerekend) lichtjes met 1,4 miljoen EUR van 276,0 miljoen EUR naar 277,4 miljoen EUR, d.i. een toename met 0,5%. Als we geen rekening houden met de gewijzigde samenstelling van de groep (3,0 miljoen EUR, voornamelijk transportkosten ingevolge de overname van 4 nieuwe dochterbedrijven), dan daalden de kosten voor diensten en diverse goederen met 1,6 miljoen EUR.

Tijdens de eerste zes maanden van 2014 evolueerden alle kostencategorieën omwille van identieke redenen op dezelfde manier als in het tweede kwartaal.

Personeelskosten en kosten voor uitzendarbeid

In het tweede kwartaal van 2014 bedroegen de loonkosten en de kosten voor uitzendarbeid 303,6 miljoen EUR en vertoonden ze een nettodaling van 4,1 miljoen EUR (de loonkosten daalden met 6,0 miljoen EUR en de kosten voor uitzendarbeid stegen met 2,0 miljoen EUR), hetzij 1,3 % in vergelijking met dezelfde periode van 2013. Deze daling is voornamelijk het gevolg van een nettovermindering van eigen personeel en uitzendkrachten met 1 000 VTE's.

Wijzigingen in de samenstelling van de groep hebben betrekking op de consolidatie van de nieuwe aangekochte dochterondernemingen in 2014 en hebben een impact van 0,5 miljoen EUR in het tweede kwartaal van 2014. Dit komt overeen met 52 VTE's en 9 uitzendkrachten. Als we de impact van de gewijzigde samenstelling van de groep buiten beschouwing laten, dan vertoonden de loonkosten een onderliggende vermindering met 4,5 miljoen EUR of 1,5% in het tweede kwartaal en een nettovermindering van eigen personeel en uitzendkrachten met 1 061 VTE's.

De jaar over jaar daling van de loonkosten en de kosten voor uitzendarbeid, vóór de gewijzigde samenstelling van de groep, is voornamelijk toe te schrijven aan de vermindering van het gemiddelde personeelsbestand (VTE's en uitzendkrachten) met 1 061 VTE's in vergelijking met het tweede kwartaal van 2013, hetgeen tot een besparing van 12,7 miljoen EUR leidde. Dit kwartaal wordt de daling met 1 184 VTE's van het eigen personeel gedeeltelijk gecompenseerd door een toename met 123 VTE's bij de uitzendkrachten. Het aantal personeelsleden verminderde in de meeste units. Reorganisaties en productiviteitsprogramma's in de activiteiten van de postale logistieke waardeketen (uitreiking, transport, ophaling …) en in de postkantoren werden voortgezet, evenals de optimalisering van de ondersteunende activiteiten zoals ICT, Human Resources, Cleaning en Facility Management.

De aanwerving van hulppostmannen tegen lagere lonen zorgde in het tweede kwartaal voor een positief mixeffect van 0,8 miljoen EUR. Dit wordt gecompenseerd doordat er meer uitzendkrachten worden ingezet (1,0 miljoen EUR).

Deze positieve effecten werden gedeeltelijk gecompenseerd, enerzijds door een prijsimpact van 5,0 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge loonsverhogingen, bevorderingen, kleine stijgingen van andere premies en de impact van de nieuwe CAO (2,3 miljoen EUR), en anderzijds door hogere voorziene kosten voor de 5% winstdeelname (1,3 miljoen EUR) als gevolg van de betere resultaten.

In het eerste semester van 2014 daalden de loonkosten en de kosten voor uitzendarbeid met 12,0 miljoen EUR, hetzij 1,9%, tot 610,3 miljoen EUR komende van 622,3 miljoen EUR in het eerste semester van 2013. De gewijzigde samenstelling van de groep had een impact van 0,9 miljoen EUR. Als we de invloed van de gewijzigde samenstelling van de groep buiten beschouwing laten, dan vertoonden de loonkosten een onderliggende vermindering van 12,8 miljoen EUR of 2,1%.

De besparingen voor de eerste zes maanden van 2014, vóór de gewijzigde samenstelling van de groep, zijn voornamelijk het gevolg van een vermindering van het gemiddelde personeelsbestand (VTE's en uitzendkrachten) met 1 070 VTE's en van een positief mixeffect dat voortvloeit uit de aanwerving van hulppostmannen, gedeeltelijk gecompenseerd door een negatieve prijsimpact en de hogere voorziene kosten voor de 5% winstdeelname.

Overige bedrijfskosten

De overige bedrijfskosten stegen met 0,4 miljoen EUR in het tweede kwartaal van 2014. De positieve evolutie van de voorzieningen (2,3 miljoen EUR) werd tenietgedaan door de stijging in onroerende voorheffing en lokale belastingen (1,5 miljoen EUR) en hogere voorzieningen voor de insolventie van klanten (1,1 miljoen EUR).

De overige bedrijfskosten stegen met 4,7 miljoen EUR in het eerste semester van 2014. De beweging van het jaar is voornamelijk het gevolg van een lagere stijging van de terugvorderbare BTW (3,0 miljoen EUR). Het percentage van de terugvorderbare BTW steeg van 11 % naar 13 % in 2014, terwijl het in 2013 steeg van 5 % naar 11 %. Daarnaast werd de positieve evolutie van de voorzieningen tenietgedaan door stijging van onroerende voorheffing en lokale belastingen (2,9 miljoen EUR).

Afschrijvingen en waarderverminderingen

Afschrijvingen en waardeverminderingen daalden met respectievelijk 1,7 en 1,4 miljoen EUR gedurende het tweede kwartaal en het eerste semester van 2014.

Bedrijfsresultaat (EBIT)

Het bedrijfsresultaat (EBIT) steeg fors met 13,5 miljoen EUR, hetzij 10,5%, tot 142,3 miljoen EUR in het tweede kwartaal van 2014, tegenover 128,9 miljoen EUR voor dezelfde periode van 2013. Deze stijging is het gevolg van de inkomstengroei bij parcels en bij andere inkomstenbronnen, samen met de blijvende kostenbesparingen. Deze elementen compenseren ruimschoots de onderliggende volumedaling met 5,1% bij Domestic Mail.

Als we geen rekening houden met het eenmalige element, nl. de winst uit de verkoop van bepaalde activiteiten van Certipost (14,6 miljoen EUR) in 2013, dan vormen de hierboven genoemde elementen in hoofdzaak de verklaring voor de stijging van de EBIT met 26,6 miljoen EUR in het eerste semester van 2014 in vergelijking met de eerste zes maanden van 2013, ofwel 9,9% hoger dan vorig jaar.

Netto financiële kosten

De totale netto financiële kosten voor het tweede kwartaal stegen met 7,3 miljoen EUR tot (9,5) miljoen EUR. Deze evolutie wordt voornamelijk verklaard door de stijging van de financiële kosten met betrekking tot personeelsbeloningen (IAS 19) ingevolge een daling van de discontovoeten.

In het eerste semester van 2014 stegen de netto financiële kosten met 7,8 miljoen EUR tot (11,6) miljoen EUR. Deze evolutie kan voornamelijk worden verklaard door de stijging van de financiële kosten die verband houden met de personeelsbeloningen IAS 19 ingevolge de daling van de discontovoeten, gedeeltelijk gecompenseerd door hogere financiële inkomsten (impact van 0,9 miljoen EUR).

Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen

Het aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen heeft volledig betrekking op bpost bank.

Het aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen daalde respectievelijk met 7,0 miljoen EUR en 5,9 miljoen EUR gedurende het tweede kwartaal van 2014 en het eerste semester van 2014. Deze daling is voornamelijk toe te schrijven aan de financiële inkomsten gedurende het tweede kwartaal van 2013 die werden gegenereerd door een arbitrage in de obligatieportefeuille.

Belastingen

Gedurende het tweede kwartaal van 2014 daalden de belastingen met 12,0 miljoen EUR. De werkelijke belastingvoet van bpost daalde van 39,8% in het tweede kwartaal van 2013 tot 31,2% in het tweede kwartaal van 2014. Deze daling is voornamelijk het resultaat van de uitbetaling van onbelaste reserves voor 30,3 miljoen EUR, hetgeen in 2013 een belastingskost genereerde van 10,3 miljoen EUR.

De belastingen daalden in het eerste semester van 2014 met 12,3 miljoen EUR tot 97,0 miljoen EUR. De werkelijke belastingvoet van bpost daalde van 37,6% voor de eerste zes maanden van 2013 tot 33,6% voor de eerste zes maanden van 2014. Als we rekening houden met de normalisatie in 2013 van 14,6 miljoen EUR die overeenkomt met de winst uit de verkoop van bepaalde activiteiten van Certipost met een werkelijke belastingvoet van 0%2 , dan bedraagt de werkelijke belastingvoet voor juni 2013 39,6%. Deze hogere werkelijke belastingvoet in vergelijking met 2014 is voornamelijk het resultaat van de overheveling van 21,3 miljoen EUR van vrijgestelde wettelijke reserves naar de beschikbare reserves en de uitbetaling van onbelaste reserves voor 30,3 miljoen EUR. Deze transacties genereerden een bijkomende belastingskost van 17,6 miljoen EUR.

2 Certipost had overgedragen fiscale verliezen waarop geen uitgestelde belastingsvordering werd geboekt.

5.2 Tussentijdse geconsolideerde balans

In overeenstemming met IAS 34 wordt de balans op 30 juni 2014 vergeleken met de situatie op 31 december 2013.

Activa

Materiële vaste activa

In het eerste semester van 2014 daalden de materiële vaste activa met 11,6 miljoen EUR, hetzij 2%, tot 558,7 miljoen EUR op 30 juni 2014. De daling was toe te schrijven aan afschrijvingen en waardeverminderingen ten bedrage van 35,5 miljoen EUR voor de eerste zes maanden van 2014, overhevelingen naar voor verkoop aangehouden activa van 1,5 miljoen EUR, gedeeltelijk gecompenseerd door aanschaffingen van 24,5 miljoen EUR en overhevelingen van vastgoedbeleggingen voor 0,7 miljoen EUR.

Immateriële vaste activa

Immateriële vaste activa stegen met 3,1 miljoen EUR, hetzij 3,5%, tot 92,1 miljoen EUR op 30 juni 2014, voornamelijk ingevolge de stijging van goodwill (4,9 miljoen EUR), gerelateerd aan de overname van de nieuwe dochterbedrijven Gout International BV, BEurope Consultancy BV, Ecom Ltd en Starbase Global Logistics Inc.

Investeringen in geassocieerde deelnemingen

Investeringen in geassocieerde deelnemingen stegen met 64,9 miljoen EUR, hetzij 19,0%, tot 406,2 miljoen EUR op 30 juni 2014. Dit weerspiegelt het aandeel van bpost in de winst van bpost bank ten bedrage van 6,3 miljoen EUR voor het eerste semester van 2014 en de toename van de ongerealiseerde winsten op de obligatieportefeuille ten bedrage van 58,6 miljoen EUR, hetgeen een gemiddelde daling van de onderliggende yieldcurve met 44 basis punten (bps) weerspiegelt. Op 30 juni 2014 omvatten investeringen in geassocieerde deelnemingen netto niet-gerealiseerde winsten inzake de obligatieportefeuille ten bedrage van 215,1 miljoen EUR, hetgeen overeenkwam met 53,0% van de totale investeringen in geassocieerde deelnemingen. De niet-gerealiseerde winsten werden gegenereerd door het lagere niveau van de rentevoeten tegenover de rente bij de aankoop van de obligaties. Niet-gerealiseerde winsten worden niet opgenomen in de resultatenrekening, maar worden veeleer direct verwerkt in het eigen vermogen onder niet-gerealiseerde resultaten.

Kortlopende handelsvorderingen en overige vorderingen

De kortlopende handels- en overige vorderingen daalden met 113,0 miljoen EUR, hetzij 28,2%, tot 287,2 miljoen EUR op 30 juni 2014. De daling was voornamelijk toe te schrijven aan de vereffening van de DAEB vordering voor het laatste kwartaal van 2013 en de vereffening van eindrechten door andere postoperatoren.

Geldmiddelen en kasequivalenten

De geldmiddelen en kasequivalenten stegen met 322,3 miljoen EUR, hetzij 71,9%, tot 770,5 miljoen EUR op 30 juni 2014. Deze stijging is voornamelijk toe te schrijven aan de genormaliseerde vrije kasstroom (363,6 miljoen EUR), gedeeltelijk gecompenseerd door de uitkering van een dividend van 40,0 miljoen EUR gedurende het tweede kwartaal.

Eigen vermogen en passiva

Eigen vermogen

Het eigen vermogen steeg met 210,7 miljoen EUR, hetzij 36,5%, tot 787,6 miljoen EUR op 30 juni 2014, van 576,9 miljoen EUR op 31 december 2013. Deze stijging was voornamelijk toe te schrijven aan de gerealiseerde winst van 192,1 miljoen EUR en de aanpassing van de reële waarde met betrekking tot de obligatieportefeuille van bpost bank ten bedrage van 58,6 miljoen EUR, gedeeltelijk gecompenseerd door de uitbetaling van een dividend van 40,0 miljoen EUR.

Personeelsbeloningen

Op 30 juni 2014 Op 31 december 2013
In miljoen EUR
Vergoedingen na uitdiensttreding (78.3) (78,2)
Personeelsbeloningen op lange termijn (117.8) (116,1)
Ontslagvergoedingen (11.2) (15,4)
Andere beloningen op lange termijn (138.2) (135,4)
Totaal (345.5) (345,1)

De personeelsbeloningen stegen met 0,4 miljoen EUR, of 0,1%, tot 345,5 miljoen EUR op 30 juni 2014. Deze stijging weerspiegelt voornamelijk:

  • De uitbetaling van voordelen ten bedrage van 22,2 miljoen EUR, waaronder 5,6 miljoen EUR voor de betaling van voordelen inzake vervroegd pensioen en deeltijds werk.
  • Operationele actuariële winsten (3,8 miljoen EUR), voornamelijk gerelateerd aan het voordeel "Vergoedingen voor Arbeidsongevallen".
  • Bijkomende pensioenkosten (12,4 miljoen EUR) en interestkosten (4,4 miljoen EUR).
  • Financiële actuariële verliezen van 7,4 miljoen EUR als gevolg van gewijzigde discontovoeten.
  • Een actuarieel verlies van 2,3 miljoen EUR gerelateerd aan vergoedingen na uitdiensttreding, erkend onder "Niet-gerealiseerde Resultaten".

Langlopende handelsschulden en overige schulden

De langlopende handelsschulden en overige schulden daalden met 3,8 miljoen EUR, hetzij 4,7%, tot 75,9 miljoen EUR op 30 juni 2014. Enerzijds stegen de langlopende handelsschulden met 2,1 miljoen EUR ingevolge de voorwaardelijke vergoedingsregelingen gerelateerd aan de overname van Gout International BV en BEurope Consultancy BV. Anderzijds werd een bedrag van 5,8 miljoen EUR, dat overeenkomt met de voorwaardelijke vergoedingsregeling voor de overname van Landmark en dat binnen een jaar moet worden betaald, overgedragen naar de kortlopende handelsschulden en overige schulden.

Te betalen belastingen

De te betalen belastingen stegen met 94,9 miljoen EUR, tot 136,6 miljoen EUR op 30 juni 2014, dit wordt voornamelijk verklaard door de voorziene inkomstenbelastingen.

Kortlopende handelsschulden en overige schulden

De kortlopende handelsschulden en overige schulden daalden met 31,5 miljoen EUR, hetzij 4,3%, tot 703,2 miljoen EUR op 30 juni 2014. Deze daling was voornamelijk toe te schrijven aan de afname van de handelsschulden met 45,0 miljoen EUR en de daling van sociale zekerheidsschulden met 63,5 miljoen EUR, gedeeltelijk gecompenseerd door de voorafbetaling van de Belgische Staat met betrekking tot de vergoeding voor de DAEB ten bedrage van 69,6 miljoen EUR. De daling van de sociale zekerheidsschulden is voornamelijk het gevolg van een tijdsverschil, aangezien de sociale kosten voor het volledige jaar 2013 (vakantiegeld, bonussen..) werden betaald tijdens de eerste helft van 2014.

5.3 Tussentijds geconsolideerd kasstroomoverzicht

In het tweede kwartaal van 2014 daalde de nettokasuitstroom in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar met 204,0 miljoen EUR tot 44,5 miljoen EUR. De genormaliseerde vrije kasstroom3 voor het tweede kwartaal (-4,0 miljoen EUR) was 15,2 miljoen EUR beter dan vorig jaar.

De nettokasinstroom in het eerste semester van 2014 bedraagt 322,2 miljoen EUR (30 juni 2013: uitstroom van 79,4 miljoen EUR). De genormaliseerde vrije kasstroom was 124,7 miljoen EUR beter dan vorig jaar ingevolge een betere kasstroom uit operationele activiteiten en een betere kasstroom uit investeringsactiviteiten.

Kasstroom uit operationele activiteiten

In het tweede kwartaal van 2014 lag de genormaliseerde kasstroom uit operationele activiteiten 7,2 miljoen EUR hoger in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. Het betere resultaat van de bedrijfsactiviteiten (10,5 miljoen EUR) werd gedeeltelijk gecompenseerd door een kleine kasuitstroom in het werkkapitaal (-3,3 miljoen EUR) aangezien het faseringseffect bij de btwvorderingen op het einde van het eerste kwartaal, zoals verwacht, werd tegengedraaid.

Voor het eerste semester van 2014 resulteerde de kasstroom uit operationele activiteiten4 in een kasinstroom van 396,7 miljoen EUR, d.i. 229,9 miljoen EUR meer dan tijdens dezelfde periode vorig jaar. Vorig jaar werd de kasstroom uit operationele activiteiten beïnvloed door een uitzonderlijke terugbetaling van vermeende overcompensatie voor de DAEB (123,1 miljoen EUR). Als we deze betaling normaliseren, dan verbeterde de kasstroom uit operationele activiteiten met 106,8 miljoen EUR. De kasstroom uit operationele activiteiten vóór bedrijfskapitaal steeg met 30,4 miljoen EUR. Het bedrijfskapitaal genereerde 76,4 miljoen EUR extra. De evolutie van het bedrijfskapitaal wordt beïnvloed door de betaling vorig jaar van de boete met betrekking tot de mededingingsaanklacht (37,4 miljoen EUR). Bijna alle elementen van het bedrijfskapitaal vertonen een positieve evolutie (39,0 miljoen EUR).

Kasstroom uit investeringsactiviteiten

De investeringsactiviteiten genereerden een kasuitstroom van 15,8 miljoen EUR voor het tweede kwartaal ten opzichte van een uitstroom van 23,8 miljoen EUR voor dezelfde periode vorig jaar. Dit verschil is voornamelijk toe te schrijven aan lagere aankopen van materiële vaste activa en immateriële vaste activa (2,1 miljoen EUR) en hogere opbrengsten uit de verkoop van materiële vaste activa (2,1 miljoen EUR). In juni vorig jaar kocht bpost de resterende 20% aandelen van MSI (4,0 miljoen EUR).

De investeringsactiviteiten genereerden een kasuitstroom van 33,1 miljoen EUR voor het eerste semester van 2014 ten opzichte van een uitstroom van 51,0 miljoen EUR voor dezelfde periode vorig jaar. Dit verschil is voornamelijk toe te schrijven aan lagere kasuitstromen gerelateerd aan de dochterbedrijven (17,5 miljoen EUR). Vorig jaar nam bpost deel aan de kapitaalverhoging van bpost bank (37,5 miljoen EUR) en kocht het de resterende 20% aandelen van MSI (4,0 miljoen EUR), maar ontving het geld uit de verkoop van bepaalde activiteiten van Certipost (15,1 miljoen EUR). Dit jaar nam bpost nieuwe dochterbedrijven over voor een totaalbedrag van 8,7 miljoen EUR. Het overblijvende verschil is toe te schrijven aan hogere aankopen van materiële vaste activa en immateriële vaste activa (1,3 miljoen EUR), gecompenseerd door hogere opbrengsten uit de verkoop van materiële vaste activa (1,7 miljoen EUR).

Kasstroom uit financieringsactiviteiten

De kasstroom uit financieringsactiviteiten vertegenwoordigt een kasuitstroom van 40,5 miljoen EUR in het tweede kwartaal van 2014 en heeft voornamelijk betrekking op uitgekeerde dividenden (40,0 miljoen EUR). Dat is een daling van 154,6 miljoen EUR in vergelijking met dezelfde periode van vorig jaar, aangezien de cijfers voor 2013 voornamelijk werden beïnvloed door de kapitaalsvermindering van 144,5 miljoen EUR en de uitgekeerde uitzonderlijke dividenden voor een bedrag van 53,5 miljoen EUR.

De evolutie van de kasstroom uit financieringsactiviteiten voor het eerste semester van 2014 wordt voornamelijk verklaard door dezelfde elementen, die de verschillen in het vierde kwartaal verklaren.

3 Voor meer details met betrekking tot de reconciliatie van gerapporteerde naar genormaliseerde financiële cijfers verwijzen we naar de sectie "Reconciliatie van gerapporteerde naar genormaliseerde financiële cijfers" van dit document.

4 Met uitzondering van de evolutie van de deposito's ontvangen van derde partijen van 0,2 miljoen EUR.

5.4 Reconciliatie van gerapporteerde naar genormaliseerde financiële cijfers

bpost analyseert ook de resultaten van haar activiteiten op een genormaliseerde basis of voor eenmalige elementen. Eenmalige elementen vertegenwoordigen belangrijke elementen binnen de opbrengsten of kosten die ten gevolge van hun uitzonderlijk karakter niet zijn opgenomen in de interne rapportering en de resultaatsanalyses. bpost streeft naar een consistente benadering bij de bepaling of een opbrengst of kostelement terugkerend of eenmalig is en of het voldoende significant is om uit de gerapporteerde cijfers te worden uitgesloten ten einde genormaliseerde cijfers te bekomen.

Een eenmalig element is verondersteld significant te zijn als het 20 miljoen EUR of meer bedraagt. Alle winsten en verliezen ten gevolge van de buitengebruikstelling van activiteiten worden genormaliseerd ongeacht het bedrag zij vertegenwoordigen. Terugnames van provisies waarvan de aanlegging eerder werd genormaliseerd worden ook genormaliseerd ongeacht hun bedrag.

De presentatie van genormaliseerde resultaten is niet in overeenstemming met IFRS en is niet geauditeerd. De genormaliseerde resultaten zijn mogelijk niet vergelijkbaar met de genormaliseerde cijfers gerapporteerd door andere vennootschappen omdat deze vennootschappen hun genormaliseerde cijfers anders kunnen berekenen dan bpost. Genormaliseerde financiële cijfers worden hieronder voorgesteld.

Gerelateerd aan de resultatenrekening

Verkoop van bepaalde activiteiten

BEDRIJFSOPBRENGSTEN Totaal van het jaar 2de kwartaal
2014 2013 EVOLUTIE 2014 2013 EVOLUTIE
In miljoen EUR % %
Totale bedrijfsopbrengsten
Verkoop van bepaalde activiteiten
1.240,2 1.235,7 0,4% 613,5 603,0 1,7%
van Certipost (1) (14,6)
Genormaliseerde totale
bedrijfopbrengsten 1.240,2 1.221,1 1,6% 613,5 603,0 1,7%
BEDRIJFSKOSTEN Totaal van het jaar 2de kwartaal
2014 2013 EVOLUTIE 2014 2013 EVOLUTIE
In miljoen EUR % %
Totale bedrijfskosten exclusief
afschrijvingen /
waardeverminderingen
(903,6) (909,6) -0,7% (449,9) (451,2) -0,3%
Genormaliseerde totale
bedrijfskosten exclusief
afschrijvingen /
waardeverminderingen
(903,6) (909,6) -0,7% (449,9) (451,2) -0,3%
EBITDA Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2013 EVOLUTIE
%
2014 2013 EVOLUTIE
%
EBITDA 336,6 326,0 3,2% 163,6 151,8 7,8%
Verkoop van bepaalde activiteiten
van Certipost (1)
(14,6)
Genormaliseerde EBITDA 336,6 311,4 8,1% 163,6 151,8 7,8%
EBIT Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2013 EVOLUTIE
%
2014 2013 EVOLUTIE
%
Bedrijfsresultaat (EBIT) 294,4 282,4 4,3% 142,3 128,9 10,5%
van Certipost (1) (14,6)
Genormaliseerd 294,4 267,8 9,9% 142,3 128,9 10,5%
16

bedrijfsresultaat (EBIT)

WINST VAN HET BOEKJAAR
(EAT)
Totaal van het jaar 2de kwartaal
2014 2013 EVOLUTIE 2014 2013 EVOLUTIE
In miljoen EUR % %
Winst van het boekjaar
Verkoop van bepaalde activiteiten
192,1 181,5 5,8% 93,2 82,1 13,5%
van Certipost (1) (14,6)
Genormaliseerde winst van het
boekjaar (EAT)
192,1 166,9 15,1% 93,2 82,1 13,5%

(1) In oktober 2012 bereikte de onderneming een overeenkomst met de Finse groep Basware over de verkoop van de activiteiten met betrekking tot de uitwisseling van elektronische documenten van Certipost vanaf januari 2013. Certipost zet zijn andere activiteiten verder (beveiliging van documenten, digitale certificaten en Belgische elektronische kaarten). De normalisatie van 14,6 miljoen EUR komt overeen met de winst op de verkoop van de activiteiten. Deze overdracht leidde niet tot een belastingskost, aangezien Certipost overgedragen fiscale verliezen heeft waarop geen uitgestelde belastingsvordering werd geboekt.

Gerelateerd aan het kasstroom overzicht

Totaal van het jaar 2de kwartaal
2014 2013 EVOLUTIE 2014 2013 EVOLUTIE
In miljoen EUR % %
Netto kasstroom uit bedrijfsactiviteiten
Netto kasstroom uit
396,4 166,8 137,7% 11,8 (29,5) -140,1%
investeringsactiviteiten (33,1) (51,0) -35,1% (15,8) (23,8) -33,6%
Operationele vrije kasstroom 363,4 115,8 213,8% (4,0) (53,4) -92,5%
Ontvangen deposito's van derden 0,2 0,0 0,0 0,0
Betaling gerelateerd aan de beslissing
van de EC (2)
0,0 123,1 -100,0% 0,0 34,2 -100,0%
Genormaliseerde operationele vrije
kasstroom
363,6 238,9 52,2% (4,0) (19,2) -79,3%

(2) Het bedrag van 123,1 miljoen EUR heeft betrekking op de eenmalige betaling van de vermeende overcompensatie waarvoor in 2012 een voorziening voor de periode 2011-2012 werd opgenomen. In afwachting van het correcte verschuldigde bedrag hield de Belgische Staat in het eerste kwartaal van 2013 een bedrag van 88,9 miljoen EUR af van het uitstaande saldo voor 2012 van de vergoeding die het krachtens het 4de Beheerscontract verschuldigd was. Het verschuldigde saldo ten bedrage van 34,2 miljoen EUR werd betaald in juni 2013.

5.5 Van IFRS geconsolideerde nettowinst naar niet-geconsolideerde BGAAP nettowinst

Totaal van het jaar 2de kwartaal
2014 2013 EVOLUTIE 2013 2013 EVOLUTIE
In miljoen EUR % %
IFRS geconsolideerde nettowinst 192,1 181,5 5,8% 93,2 82,1 13,5%
Resultaten van dochterondernemingen en
deconsolidatie impacten (15,2) (32,8) -53,7% (8,9) (13,5) -34,1%
Verschillen in afschrijvingen en
waardeverminderingen (4,4) (4,1) 6,4% (2,2) (1,9) 10,9%
Verschillen in opname van voorzieningen (5,3) (6,5) -18,3% (2,1) (3,8) -43,4%
Effecten van IAS 19 0,7 (19,2) -103,5% 2,5 (6,9) -135,9%
Uitgestelde belastingen 4,3 10,9 -60,4% 1,3 4,8 -73,6%
Overige (0,8) 0,9 -187,6% 0,5 (0,2) -307,6%
BGAAP niet-geconsolideerde nettowinst 171,5 130,7 31,2% 84,2 60,5 39,0%

De niet-geconsolideerde winst na belastingen van de onderneming, opgemaakt in overeenstemming met de Belgische boekhoudregels (BGAAP), kan in twee stappen worden afgeleid uit de geconsolideerde IFRS winst na belastingen.

In een eerste stap wordt de niet-geconsolideerde winst na belastingen volgens IFRS afgeleid, nl. door:

  • Het wegwerken van de gevolgen van de verkoop van bepaalde activiteiten van Certipost, waarvoor een winst werd gerealiseerd in 2013,
  • De resultaten van de dochterondernemingen in mindering te brengen, d.w.z. de winst na belastingen van de dochterondernemingen worden verwijderd, en
  • Elke andere impact die de dochterondernemingen hadden op de resultatenrekeningen van de onderneming te elimineren (zoals waardeverminderingen) en de van deze dochterondernemingen ontvangen dividenden toe te voegen.

De tabel hieronder toont een opsplitsing van hetgeen hierboven vermeldt:

Totaal van het jaar 2de kwartaal
2014 2013 2014 2013
In miljoen EUR
Verkoop van bepaalde activiteiten van Certipost (14,6)
Winst van de Belgische volledig geconsolideerde
dochterondernemingen (GAAP lokaal) (4,6) (2,6) (2,8) (1,1)
Winst van de internationale dochterondernemingen (GAAP lokaal) (3,9) (2,8) (2,6) (2,5)
Aandeel in de winst van de bpost bank (GAAP lokaal) (5,9) (12,0) (2,6) (9,6)
Overige deconsolidatie impacten (0,7) (0,8) (1,0) (0,4)
Totaal (15,2) (32,8) (8,9) (13,5)

Bij de tweede stap wordt het BGAAP resultaat afgeleid van het IFRS resultaat, dit wordt bekomen door alle IFRS-aanpassingen die aan lokale GAAP-cijfers werden gedaan terug te draaien. Deze aanpassingen omvatten, maar zijn niet beperkt tot, het volgende:

  • Verschillen in de verwerking van afschrijvingen en waardeverminderingen: BGAAP laat andere nuttige levensduurte (en dus afschrijvingspercentages) toe voor vaste activa dan IFRS. Goodwill wordt afgeschreven onder BGAAP, terwijl IFRS voor goodwill een waardeverminderingstest vereist. IFRS staat ook toe dat immateriële vaste activa op de balans mogen worden geboekt onder andere voorwaarden dan die van BGAAP;
  • BGAAP en IFRS hanteren verschillende criteria voor het boeken van voorzieningen;
  • IFRS vereist dat alle toekomstige personeelsverplichtingen worden geboekt als een verplichting krachtens IAS 19, terwijl BGAAP zo'n verplichting niet oplegt. De beweging van de IFRS verplichting wordt weergegeven in de resultatenrekening van de onderneming onder

personeelskosten of in provisies, met uitzondering van de impact van de wijzigingen in de disconteringsvoet voor de toekomstige verplichtingen dewelke worden opgenomen als financieel resultaat;

  • De evolutie in het tweede kwartaal van IAS 19 wordt voornamelijk verklaard door de stijging van de financiële kosten met betrekking tot personeelsbeloningen, die toe te schrijven is aan de daling van de discontovoeten. Daarnaast wordt de jaar-over-jaar evolutie ook verklaard door de plannen voor vervroegde pensionering en deeltijdse loopbaanonderbreking die eind 2012 werden gelanceerd, en die werden verlengd tot 2014, waarvoor de inschrijvingen in het eerste kwartaal van 2013 hoger waren in vergelijking met deze van het lopend jaar. De volledige impact hiervan was reeds voorzien onder IFRS in het vierde kwartaal van 2012.
  • Uitgestelde belastingen worden niet geboekt in BGAAP maar wel in IFRS

6 Vooruitzichten

De inkomsten zouden minstens op hetzelfde niveau of lichtjes boven die van vorig jaar moeten liggen.

  • o De volume daling bij Domestic Mail werd groter in het tweede kwartaal en zou daardoor tot -5,5% kunnen bedragen voor het volledige jaar.
  • o Bij Domestic Parcels verwachten we niet langer dat we de groei met 7,1% van 2013 zullen overschrijden maar over het volledige jaar zouden we nog wel een groei moeten bereiken die hoger ligt dan die van het eerste semester (+5,2%).
  • o De groei bij International Parcels zal naar verwachting in lijn liggen met het eerste semester van het jaar voor routes naar Europa. Volumes naar China zullen naar verwachting afnemen in het tweede semester.

Als we de fasering van de initiatieven voor productiviteitsverbetering in aanmerking nemen, dan verwachten we dat de vermindering in VTE voor 2014 nog steeds in het onderste deel van het referentiebereik van 800 tot 1 200 VTE/jaar zal liggen.

We hebben er alle vertrouwen in dat we voor het tweede semester van het jaar operationele resultaten (EBITDA en EBIT) zullen kunnen bekendmaken die in lijn liggen met vorig jaar en dat we dus de vooruitgang die we in het eerste semester geboekt hebben, zullen kunnen behouden.

Als gevolg daarvan zou het niveau van het dividend hoger moeten liggen dan vorig jaar.

We verwachten geen wezenlijke uitzonderlijke kasuitstroom tijdens het jaar, wat inhoudt dat de kasstromen het normale seizoenspatroon zouden moeten volgen. De netto kapitaalsuitgaven zullen naar verwachting lager liggen dan 90 miljoen EUR.

Niet- geauditeerde tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening

7 Tussentijdse geconsolideerde resultatenrekening

Totaal van het jaar 2de kwartaal
TOE
LICH
TING
2014 2013 2014 2013
In miljoen EUR
Omzet 12.7 1.231,7 1.214,1 609,2 600,4
Overige bedrijfsopbrengsten 12.8 8,5 21,6 4,2 2,5
Totaal bedrijfsopbrengsten 1.240,2 1.235,7 613,5 603,0
Materiaalkost (15,1) (15,3) (7,1) (7,5)
Diensten en diverse goederen (292,4) (291,4) (146,4) (141,7)
Personeelskosten (595,3) (606,8) (294,3) (300,4)
Overige bedrijfskosten (0,8) 3,9 (2,1) (1,7)
Afschrijvingen en waardeverminderingen (42,2) (43,6) (21,2) (22,9)
Totaal bedrijfskosten (945,8) (953,3) (471,1) (474,1)
Bedrijfsresultaat (EBIT) 294,4 282,4 142,3 128,9
Financiële opbrengsten 2,1 1,2 0,9 0,4
Financiële kosten (13,7) (5,0) (10,4) (2,6)
Aandeel in het resultaat van geassocieerde
deelnemingen 6,3 12,2 2,7 9,7
Resultaat uit gewone bedrijfsuitvoering 289,0 290,7 135,5 136,4
Belastingen (97,0) (109,3) (42,3) (54,3)
Nettoresultaat van de periode 192,1 181,5 93,2 82,1
Toerekenbaar aan:
Aandeelhouders van bpost 190,7 180,2 92,2 81,2
Minderheidsbelangen 1,4 1,3 0,9 0,9

In mei 2013 heeft de algemene vergadering beslist om het aantal aandelen te splitsen. Het totaal aantal aandelen na deze splitsing bedraagt 200.000.944 (voor splitsing 409.838 aandelen). De winst per aandeel, berekend op basis van het nieuwe aantal aandelen, voor de eerste zes maanden en het tweede kwartaal van 2014 en 2013 ziet er als volgt uit:

Winst per aandeel Totaal van het jaar 2de kwartaal
IN EUR 2014 2013 2014 2013
► gewone winst van het jaar toe te rekenen aan gewone
aandeelhouders van de moedermaatschappij
0,95 0,90 0,46 0,41
► verwaterde winst van het jaar toe te rekenen aan gewone
aandeelhouders van de moedermaatschappij
0,95 0,90 0,46 0,41

Overeenkomstig IAS 33 dient de verwaterde winst per aandeel berekend te worden door het nettoresultaat toerekenbaar aan de houders van gewone aandelen van de moedermaatschappij (na aanpassing van de effecten van alle potentiële verwaterde gewone aandelen) te delen door het gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen tijdens het jaar, vermeerderd met het gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen dat zou worden uitgegeven bij een omzetting van alle aandelenopties in gewone aandelen.

In het geval van bpost is er geen effect van verwatering op het netto resultaat toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen en op het gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen.

8 Tussentijds overzicht van de gerealiseerde en de nietgerealiseerde resultaten

30 juni
2014
30 juni
2013
In miljoen EUR
Nettoresultaat van de periode 192,1 181,5
Reële waarde van financiële activa beschikbaar voor verkoop door geassocieerde
ondernemingen 58,6 (66,1)
(Verlies) winst op voor verkoop beschikbare financiële activa 88,9 (100,2)
Inkomstenbelastingseffect (30,3) 34,1
Reële waarde van actuariële resultaten met betrekking tot toegezegde
pensioenregelingen (0,2) 7,4
Actuariële (verliezen)/winsten met betrekking tot toegezegde pensioenregelingen (2,3) 10,1
Inkomstenbelastingseffect 2,1 (2,7)
Minderheidsbelangen 0,0 0,0
Overzicht van niet-gerealiseerde resultaten na belastingen (*) 58,3 (58,7)
Totaal van de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten na belastingen 250,4 122,7
Toerekenbaar aan:
Aandeelhouders van bpost
Minderheidsbelangen 249,0 121,4
1,4 1,3

(*) Netto niet-gerealiseerde resultaten worden niet getransfereerd naar de resultatenrekening in de volgende periodes.

Impact van de wisselkoersverschillen is immaterieel.

9 Tussentijdse geconsolideerde balans

TOELICHTING Op 30
juni
2014
Op 31
december
2013
In miljoen EUR
Activa
Vaste activa
Materiële vaste activa 558,7 570,3
Immateriële vaste activa 92,1 89,0
Investeringen in geassocieerde deelnemingen 406,2 341,3
Vastgoedbeleggingen 9,5 10,3
Uitgestelde belastingsvorderingen 56,0 58,3
Handels- en overige vorderingen 2,3 2,2
1.124,8 1.071,3
Vlottende activa
Activa aangehouden voor verkoop 0,6 0,1
Voorraden 9,9 9,2
Te ontvangen belastingen 0,9 0,1
Handels- en overige vorderingen 287,2 400,2
Geldmiddelen en kasequivalenten 770,5 448,2
1.069,1 857,8
Totaal activa 2.194,0 1.929,2
Eigen vermogen en passiva
Eigen vermogen toerekenbaar aan de eigenaars van
de moedermaatschappij
Geplaatst kapitaal 364,0 364,0
Eigen aandelen 0,0 0,0
Reserves 231,5 111,0
Overgedragen resultaat 192,1 101,9
787,6 576,9
Minderheidsbelangen 0,0 0,0
Totaal eigen vermogen 787,6 576,9
Langlopende verplichtingen
Rentedragende verplichtingen en leningen 75,4 75,6
Personeelsbeloningen 345,5 345,1
Handels- en overige schulden 75,9 79,7
Voorzieningen 39,8 40,2
Uitgestelde belastingsverplichtingen 1,4 1,4
Kortlopende verplichtingen 538,0 542,0
Rentedragende verplichtingen en leningen 10,3 11,3
Bankvoorschotten in rekening-courant 0,3 0,2
Voorzieningen 18,0 22,4
Te betalen belastingen 136,6 41,7
Handels- en overige schulden 703,2 734,7
868,4 810,3
Totaal passiva 1.406,4 1.352,3
Totaal eigen vermogen en passiva 2.194,0 1.929,2

10 Tussentijds mutatieoverzicht van het eigen vermogen

moedermaatschappij Eigen vermogen toerekenbaar aan de eigenaars van de
In miljoen
EUR
Geplaatst
kapitaal/
Toegelaten
kapitaal
Eigen
aandelen
Overige
reserves
Over
gedragen
resultaat
Totaal Minderheids
belangen
Totaal
eigen
vermogen
Per 1 januari
2013 * 508,5 214,6 3,7 726,8 0,0 726,8
Resultaat van
de periode
Niet
180,2 180,2 1,3 181,5
gerealiseerde
resultaten
Totaal van de
gerealiseerde
(55,0) (3,7) (58,7) (58,7)
en niet
gerealiseerde
resultaten 0,0 0,0 (55,0) 176,4 121,4 1,3 122,7
Kapitaalsvermin
dering
(144,5) (144,5) (144,5)
Dividenden
(betaling)
(53,5) (53,5) (0,1) (53,6)
Andere 11,6 1,3 12,9 (1,2) 11,7
Per 30 juni
2013
364,0 0,0 117,7 181,5 663,1 0,0 663,1

* herwerkt ingevolge IAS 19R, de overige reserves daalden met 10,9 miljoen EUR

Eigen vermogen toerekenbaar aan de eigenaars van de
moedermaatschappij
In miljoen
EUR
Geplaatst
kapitaal/
Toegelaten
kapitaal
Eigen
aandelen
Overige
reserves
Over
gedragen
resultaat
Totaal Minderheids
belangen
Totaal
eigen
vermogen
Per 1 januari
2014
Resultaat van
364,0 0,0 111,0 101,9 576,9 0,0 576,9
de periode 190,7 190,7 1,4 192,1
Niet
gerealiseerde
resultaten
160,2 (101,9) 58,3 58,3
Totaal van de
gerealiseerde
en niet
gerealiseerde
resultaten 0,0 0,0 160,2 88,8 249,0 1,4 250,4
Dividenden
betaald (40,0) (40,0) 0,0 (40,0)
Andere 0,3 1,4 1,7 (1,4) 0,3
Per 30 juni
2014 364,0 0,0 231,5 192,1 787,6 (0,0) 787,6

11 Tussentijds geconsolideerd kasstroomoverzicht

Totaal van het
jaar
2de kwartaal
TOELICHTING 2014 2013 2014 2013
In miljoen EUR
Operationele activiteiten
Resultaat voor belastingen 7 289,0 290,7 135,5 136,4
Afschrijvingen 42,2 43,6 21,2 22,9
Dubieuze debiteuren 1,1 (0,2) 1,3 0,2
Winst op de realisatie van materiële vaste
activa
(4,7) (3,0) (2,3) (0,6)
Winst op de verkoop van de Certipost
activiteiten
0,0 (14,6) 0,0 0,0
Wijziging in personeelsbeloningen (1,9) (18,5) (0,1) (10,7)
Aandeel in het resultaat van geassocieerde
deelnemingen (6,3) (12,2) (2,7) (9,7)
Betaalde belastingen
Bedrijfskasstroom voor wijziging in
(3,6) (1,1) (1,7) (0,2)
bedrijfskapitaal en voorzieningen 315,8 284,8 151,2 138,3
Afname / (toename) van handels- en overige
vorderingen 89,0 68,3 8,0 (2,1)
Afname / (toename) in voorraden
Toename / (afname) van handels- en overige
(0,3) (0,4) (0,1) (0,2)
schulden (3,1) (58,7) (144,0) (130,6)
Ontvangen deposito's van derden (0,2) 0,0 (0,0) 0,0
Terugbetaling van DAEB overcompensatie 0,0 (123,1) 0,0 (34,2)
Toename / (afname) van overige voorzieningen (4,9) (4,1) (3,2) (0,8)
Netto kasstroom uit bedrijfsactiviteiten 396,4 166,8 11,8 (29,5)
Investeringsactiviteiten
Ontvangsten uit de verkoop van materiële
vaste activa
Ontvangsten uit de verkoop van
5,7 4,0 3,0 0,9
dochterondernemingen, na verrekening van de
netto schuldpositie
0,0 15,1 0,0 0,0
Verwerving van materiële vaste activa (24,5) (21,9) (15,7) (15,5)
Verwerving van immateriële activa (5,6) (6,9) (3,2) (5,5)
Verwerving van dochterondernemingen, na
aftrek van verworven liquide middelen (8,7) (3,7) 0,0 (3,7)
Kapitaalsverhoging bpost bank
Netto kasstroom uit
12.5 0,0 (37,5) 0,0 0,0
investeringsactiviteiten (33,1) (51,0) (15,8) (23,8)
Financieringsactiviteiten
Aflossingen van leningen en schulden financiële
leasing
(1,2) 2,9 (0,5) 2,9
Kapitaalsvermindering 0,0 (144,5) 0,0 (144,5)
Dividenden betaald (40,0) 0,0 (40,0) 0,0
Uitzonderlijk dividend 0,0 (53,5) 0,0 (53,5)
Dividenden betaald aan minderheidsbelangen 10 0,0 (0,1) 0,0 0,0
Netto kasstroom uit
financieringsactiviteiten
(41,2) (195,2) (40,5) (195,1)
Netto toename van geldmiddelen en
kasequivalenten
322,2 (79,4) (44,5) (248,5)
Geldmiddelen en kasequivalenten min
bankvoorschotten in rekening-courant per 1
januari
Geldmiddelen en kasequivalenten min
448,0 712,8
bankvoorschotten in rekening-courant per 30
juni 770,2 633,4
Bewegingen tussen 1 januari en 30 juni 322,2 (79,4)

12 Toelichting bij de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële jaarrekening

12.1 Bedrijfsinformatie

De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening van bpost voor de eerste zes maanden eindigend op 30 juni 2014 werd goedgekeurd voor uitgifte overeenkomstig het besluit van de Raad van Bestuur van 6 augustus 2014.

Bedrijfsactiviteiten

bpost en haar dochterondernemingen (hierna "bpost" genoemd) leveren nationale en internationale post- en pakjesdiensten, die bestaan uit de ophaling, het transport, de sortering en de uitreiking van geadresseerde en ongeadresseerde poststukken, drukwerk, dagbladen en pakketten.

Via haar dochterondernemingen en business units verkoopt bpost ook een waaier andere producten en diensten, waaronder post- en pakjesdiensten, bank- en financiële producten, express diensten, documentbeheer en aanverwante activiteiten. bpost voert eveneens namens de overheid Diensten van Algemeen Economisch Belang (DAEB) uit.

Juridisch statuut

bpost is een naamloze vennootschap naar publiek recht van België. bpost heeft haar maatschappelijke zetel in het Muntcentrum, 1000 Brussel.

12.2 Basis voor de voorbereiding en de boekhoudkundige principes

Basis voor de voorbereiding

Deze tussentijdse financiële jaarrekening werd door de statutaire auditor nagezien (zie verklaring van beperkt nazicht- toelichting 14).

De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening voor de zes maanden eindigend op 30 juni 2014, is opgesteld in overeenstemming met IAS 34 Tussentijdse Financiële Rapportering.

De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening bevat niet alle informatie en toelichtingen zoals vereist in de jaarrekening en dient te worden gelezen in combinatie met de jaarrekening van bpost op 31 december 2013.

Belangrijke boekhoudkundige principes

De boekhoudregels die toegepast werden voor de tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening zijn consistent met diegene die gebruikt zijn bij het opstellen van de jaarrekening van bpost voor het jaar eindigend op 31 december 2013, met uitzondering van de invoering van nieuwe standaarden en interpretaties die vanaf 1 januari 2014 in voege zijn.

De volgende nieuwe standaarden en wijzigingen, die in werking getreden zijn vanaf 1 januari 2014 hebben geen effect op de presentatie, de financiële resultaten of de positie van bpost:

  • IFRS 10 Geconsolideerde jaarrekening
  • IFRS 11 Gemeenschappelijke regelingen
  • IFRS 12 Informatieverschaffing over belangen in andere entiteiten
  • IFRS 10 –11 & 12 Overgangsbepalingen
  • IFRS 10, IFRS 12 en IAS 27 Wijzigingen Investeringsmaatschappijen
  • IAS 27 – Wijziging aan IAS 27 Enkelvoudige jaarrekening
  • IAS 28 – Wijziging aan IAS 28 Investeringen in geassocieerde deelnemingen en joint ventures
  • IAS 32 – Financiële instrumenten: informatieverschaffing saldering van financiële activa en financiële verplichtingen

  • IAS 39 – Financiële Instrumenten: Opname en waardering Schuldvernieuwing van derivaten en voorzetting hedge accounting

  • IAS 36 – Wijziging aan IAS 36 – Informatieverschaffing over de realiseerbare waarde van niet-financiële activa

Standaarden en Interpretaties nog niet toegepast door bpost

De volgende nieuwe IFRS-standaarden en IFRIC-interpretaties, die nog moeten verplicht worden, zijn door bpost nog niet toegepast bij het opstellen van de tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening.

Standaard of interpretative Effectief voor de
rapportering die begint op
of na
IFRS 9 – Financiële Instrumenten – Classificatie en Meting Ingangsdatum uitgesteld en
nog niet vastgelegd
IFRS 14 – Gereglementeerde overlopende rekeningen (*) 1 januari 2016
IFRS 15 – Ontvangsten uit contracten met klanten (*) 1 januari 2017
IAS 19 – Personeelsbeloningen – toegezegde pensioenregelingen:
werknemersbijdragen (*)
1 juli 2014
IAS 16 - IAS 38 – Wijzigingen – Verduidelijking van de aanvaarde
methoden van afschrijvingen en waardeverminderingen (*)
1 januari 2016
IAS 16 - IAS 41 –Wijzigingen - Landbouw: 'Bearer plants' (*) 1 januari 2016
IFRS 11- Wijziging – Boekhoudkundige verwerking van de verwerving
van belaningen in gemeenschappelijke regelingen. (*)
1 januari 2016
Jaarlijkse verbeteringen aan IFRSs 2010-2012 Cyclus (*) 1 juli 2014
Jaarlijkse verbeteringen aan IFRSs 2011-2013 Cyclus (*) 1 juli 2014

(*) Nog niet bekrachtigd door de EU op de datum van dit rapport

IFRIC 21 werd goedgekeurd door de EU in juni 2014 en zal effectief zijn voor de rapporteringsperiodes beginnend op 1 januari 2015, met vrijwillige terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2014. De implementatie van IFRIC 21 zal voornamelijk een gevolg hebben op de seizoenaliteit van de resultaten van bpost bank. Bpost heeft besloten om IFRIC 21 niet toe te passen in de tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening eindigend op 30 juni 2014.

Standaarden en interpretaties toegepast door bpost

Op 30 juni 2014 zijn de boekhoudregels van bpost in overeenstemming met de IAS/IFRS standaarden en SIC/IFRIC interpretaties, zoals hieronder vermeld:

International Financial Reporting Standards (IFRS)

  • IFRS 2 Op aandelen gebaseerde betaling
  • IFRS 3 Bedrijfscombinaties (uitgegeven in 2004) van overnames afgerond voor 1 januari 2010
  • IFRS 3 Bedrijfscombinaties (Herzien in 2008)
  • IFRS 5 Vaste activa aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten
  • IFRS 7 Financiële Instrumenten: informatieverschaffing
  • IFRS 8 Operationele segmenten
  • IFRS 10 Geconsolideerde jaarrekening
  • IFRS 11 Gemeenschappelijke regelingen
  • IFRS 12 Informatieverschaffing over belangen in andere entiteiten
  • IFRS 10 -11 & 12 Overgangsbepalingen
  • IFRS 13 Waardering tegen reële waarde

International Accounting Standards (IAS)

  • IAS 1 Presentatie van jaarrekening
  • IAS 2 Voorraden
  • IAS 7 Het kasstroomoverzicht
  • IAS 8 Grondslagen voor financiële verslaggeving, schattingswijzigingen en fouten
  • IAS 10 Gebeurtenissen na de verslagperiode
  • IAS 12 Winstbelastingen
  • IAS 16 Materiële vaste activa
  • IAS 17 Lease-overeenkomsten
  • IAS 18 Opbrengsten
  • IAS 19 Personeelsbeloningen
  • IAS 21 De gevolgen van wisselkoerswijzigingen
  • IAS 23 Financieringskosten
  • IAS 24 Informatieverschaffing over verbonden partijen
  • IAS 27 Geconsolideerde en enkelvoudige jaarrekening (Herzien in 2008)
  • IAS 28 Investeringen in geassocieerde deelnemingen
  • IAS 32 Financiële instrumenten: Presentatie
  • IAS 33 Winst per aandeel
  • IAS 34 Tussentijdse financiële verslaggeving
  • IAS 36 Bijzondere waardeverminderingen van activa
  • IAS 37 Voorzieningen, voorwaardelijke verplichtingen en voorwaardelijke activa
  • IAS 38 Immateriële activa
  • IAS 39 Financiële instrumenten: opname en waardering
  • IAS 40 Vastgoedbeleggingen

Interpretaties SIC / IFRIC

  • IFRIC 1 Wijzigingen in verplichtingen voor ontmanteling, herstel en soortgelijke verplichtingen
  • IFRIC 4 Vaststelling of een overeenkomst een lease-overeenkomst bevat
  • IFRIC 10 Tussentijdse financiële verslaggeving en bijzondere waardevermindering
  • SIC 12 Consolidatie Voor een bijzonder doel opgerichte entiteiten (van toepassing tot 31 december 2013)

De andere standaarden en interpretaties, die momenteel zijn goedgekeurd door de EU en die van toepassing zijn voor de voorbereiding van de tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening van 2014, zijn niet van toepassing in het geval van bpost.

bpost heeft geen enkele standaard, interpretatie of wijziging, die uitgegeven maar nog niet in voege was, voortijdig aangenomen.

12.3 Spreiding van de activiteiten over het jaar

Ingevolge het 5de Beheerscontract, is bpost de leverancier van bepaalde DAEB's. Deze diensten omvatten, onder andere, de werking van het retail netwerk, de distributie van kranten en tijdschriften, de verdeling van verkiezingsmateriaal, de aanvaarding van deposito's in contanten in de postkantoren en de levering aan huis van de staatspensioenen en sociale uitkeringen. bpost wordt gecompenseerd voor het verstrekken van deze diensten op basis van een Netto Vermeden Kost ("NAC", net avoided cost) methodologie.

De vergoeding met betrekking tot de DAEB wordt gelijk verdeeld over de vier kwartalen. Gedurende het jaar worden er berekeningen gemaakt op basis van de Netto Vermeden Kost methode om ervoor te zorgen dat de vergoeding in lijn is met de opgenomen bedragen. Deze methode bepaalt dat de vergoeding wordt gebaseerd op het verschil tussen de nettokosten van de aanbieder van de DAEB en de nettokosten van dezelfde aanbieder wanneer gewerkt wordt zonder DAEB. De vergoeding voor het verstrekken van de DAEB is onderhevig aan een cap die aangepast wordt aan de evolutie van de Belgische consumptieprijsindex indien deze in een bepaald jaar met meer dan 2,2% stijgt.

12.4 Samenvatting van de belangrijkste boekhoudkundige principes

De boekhoudkundige principes en methodes van bpost zijn in overeenkomst met deze toegepast op de geconsolideerde jaarrekening van 31 december 2013.

12.5 Bedrijfscombinaties

In juni 2014 werd een prijsaanpassing van 0.4 miljoen EUR berekend met betrekking tot de verwerving van 100% aandelen van Gout International BV en BEurope Consultancy BV op basis van de finale cijfers van 2013 en opgenomen als schuld. De prijsaanpassing wordt normaal betaald in het derde kwartaal van 2014.

De berekende goodwill, na prijsaanpassing, wordt als volgt gepresenteerd:

Netto boekwaarde in de verworven entiteit In miljoen EUR
Vlottende activa 1,5
Vaste activa 0,4
Kortlopende verplichtingen 0,7
Langlopende verplichtingen 0,0
Netto-actief 1,2
De reële waarde van de verworven activa ie 100% van de netto activa 1,2
Goodwill ontstaan bij verwerving 4,3
Overgedragen aankoopvergoeding 5,5
waarvan:
- betaald bedrag 3,0
- voorwaardelijke vergoedingsregeling (incl. nog niet betaalde prijsaanpassing) 2,5
Analyse van de kasstroom met betrekking tot de verwerving In miljoen EUR
Netto geldmiddelen verworven met de dochteronderneming 0,3
Betaald bedrag (3,0)
Netto kasuitstroom

12.6 Bedrijfssegmenten

De tabel hieronder toont de inkomsten met betrekking tot de bedrijfssegmenten van bpost:

Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2013 2014 2013
MRS 995,4 1.022,7 495,6 502,7
P&I 226,7 195,5 111,6 97,2
Totaal bedrijfsopbrengsten van de
segmenten 1.222,1 1.218,2 607,2 599,9
Corporate (aansluitpost) 18,1 17,4 6,3 3,1
Totaal bedrijfsopbrengsten 1.240,2 1.235,7 613,5 603,0

Inkomsten toerekenbaar aan het bedrijfssegment MRS daalden met 7,1 miljoen EUR in vergelijking met het tweede kwartaal van 2013, tot 495,6 miljoen EUR voornamelijk als gevolg van:

  • de genormaliseerde volumedaling met 5,1 % bij Domestic Mail
  • lagere omzet in Philately, Retailer, Banking and Financial products
  • gedeeltelijk gecompenseerd door prijsstijgingen in Domestic Mail, de invloed van de verkiezingen en een stijging van de inkomsten uit Value Added Services (o.a. digitaal printen van tijdschriften, diensten m.b.t. de Europese nummerplaten en SEPA-activiteiten)

(2,7)

De groei van de inkomsten van P&I in het tweede kwartaal bedraagt 14,4 miljoen EUR en is voornamelijk toerekenbaar aan de productportfolio Parcels, dewelke steeg met 11,1 miljoen EUR en positief beïnvloed werd door:

  • de overname van Gout International BV, BEurope Consultancy BV, Ecom Global Distribution Ltd en Starbase Global Logistics Inc (impact van 2,0 miljoen EUR op de productportfolio van Parcels en van 2,4 miljoen EUR op de totale bedrijfsopbrengsten)
  • de prestatie van International Parcels, ingevolge de solide groei in de VS en de groei gerelateerd aan China
  • het overblijvende saldo wordt verklaard door de groei in Domestic Parcels, als gevolg van de evolutie van e-commerce.

Inter-segment verkopen zijn immaterieel. Er zijn geen interne bedrijfsopbrengsten.

De ontvangen vergoeding om de diensten te verlenen zoals beschreven in het Beheerscontract (zie toelichting 12.7) buiten beschouwing gelaten, overschrijdt geen enkele klant meer dan 10% van de bedrijfsopbrengsten van bpost.

De volgende tabel geeft de inkomsten weer van externe klanten verdeeld over België en alle andere landen in hun totaliteit, van waaruit bpost haar inkomsten ontleent. De verdeling van de inkomsten van de externe klanten is gebaseerd op hun locatie.

Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2013 2014 2013
België 1.086,1 1.127,9 537,3 548,7
RvdW 154,1 107,7 76,2 54,3
Totaal bedrijfsopbrengsten 1.240,2 1.235,7 613,5 603,0

De onderstaande tabellen geven EBIT en EAT weer van de bedrijfssegmenten van bpost voor de periode eindigend op 30 juni 2014 en 2013:

Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2013 2014 2013
MRS 281,5 278,7 139,2 132,8
P&I 21,7 11,1 10,6 6,8
EBIT segmenten 303,2 289,7 149,8 139,7
Corporate (aansluitpost) (8,9) (7,4) (7,5) (10,8)
EBIT 294,4 282,4 142,3 128,9

In het tweede kwartaal van 2014 steeg EBIT van het bedrijfssegment MRS met 6,4 miljoen EUR. De volumedaling kon ruimschoots gecompenseerd worden door prijsverhogingen, in combinatie met productiviteitsverbeteringen en kostenverminderingen.

EBIT toerekenbaar aan het bedrijfssegment P&I verbeterde met 3,8 miljoen EUR tot 10,6 miljoen EUR in het tweede kwartaal van 2014. De minder gunstige afrekeningen van eindrechten (3,2 miljoen EUR) werd ruimschoots gecompenseerd door hogere marges in combinatie met betere prestaties van de P&I dochterondernemingen.

Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2013 2014 2013
MRS 281,5 278,7 139,2 132,8
P&I 21,7 11,1 10,6 6,8
EAT segmenten 303,2 289,7 149,8 139,7
Corporate (aansluitpost) (111,2) (108,3) (56,6) (57,6)
EAT 192,1 181,5 93,2 82,1

Financiële opbrengsten, financiële kosten, het aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen en belastingen zitten vervat in de aansluitpost "Corporate".

De volgende tabel geeft gedetailleerde informatie weer omtrent de aansluitpost "Corporate":

Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2013 2014 2013
Bedrijfsopbrengsten 18,1 17,4 6,3 3,1
Centrale departmenten (Financiën, Legal, Interne Audit, CEO, …) (29,5) (33,0) (15,0) (15,6)
Andere aansluitelementen 2,5 8,2 1,2 1,7
Bedrijfskosten (26,9) (24,8) (13,8) (13,9)
EBIT Corporate (aansluitpost) (8,9) (7,4) (7,5) (10,8)
Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen 6,3 12,2 2,7 9,7
Financieel resultaat (11,6) (3,8) (9,5) (2,2)
Belastingen (97,0) (109,3) (42,3) (54,3)
EAT Corporate (aansluitpost) (111,2) (108,3) (56,6) (57,6)

Het bedrijfsresultaat (EBIT) toerekenbaar aan de aansluitpost Corporate verbeterde met 3,3 miljoen EUR tot 7,5 miljoen EUR negatief voor het tweede kwartaal van 2014, van 10,8 miljoen EUR negatief voor het tweede kwartaal van 2013. Deze verbetering is het gevolg van een hogere verkoop van gebouwen (1,7 miljoen EUR), hogere tijdsverschuiving van opbrengsten (0,6 miljoen EUR) en de kostenverminderingen in de centrale diensten (0,6 miljoen EUR).

De activa en passiva worden niet per segment gerapporteerd in de onderneming.

12.7 Omzet

Totaal van het jaar 2de kwartaal
2014 2013 2014 2013
In miljoen EUR
Omzet exclusief de DAEB vergoeding 1.079,5 1.062,2 533,2 524,5
DAEB vergoeding 152,2 151,9 76,1 75,9
Totaal 1.231,7 1.214,1 609,2 600,4

12.8 Overige bedrijfsopbrengsten

Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2013 2014 2013
Winst op de realisatie van materiële vaste activa 4,7 3,0 2,3 0,6
Winst op de realisatie van activiteiten 14,6 0,0 0,1
Huuropbrengsten vastgoedbeleggingen 0,6 0,5 0,5 0,2
Overige huuropbrengsten 1,0 1,0 0,4 0,6
Recuperatie kosten bij derden 1,2 1,5 0,8 0,7
Overige 1,0 0,9 0,4 0,3
Total 8,5 21,6 4,2 2,5

De verkoop van de activiteiten elektronische documentuitwisseling van Certipost aan de Finse groep Basware per januari 2013, genereerde een kasinstroom van 15,1 miljoen EUR en een winst van 14,6 miljoen EUR in het eerste kwartaal van 2013.

Winst op de verkoop van materiële vaste activa heeft voornamelijk betrekking op de verkoop van gebouwen.

12.9 Niet in de balans opgenomen verplichtingen en onvoorziene activa

Per 30 juni 2014 telde bpost 5.178 hulppostmannen. In 2013 hebben 45 hulppostmannen een rechtszaak aangespannen tegen de onderneming voor de arbeidsrechtbanken van Brussel en Charleroi, waarin ze een gelijk loon en gelijke voordelen als de baremiek contractuelen die hetzelfde werk verrichten, eisten. Deze vordering is voornamelijk gebaseerd op de niet-discriminatiebepaling die is opgenomen in artikelen 10 en 11 van de Belgische Grondwet. Deze vorderingen worden betwist door bpost.

Indien de rechtbanken zouden oordelen dat dit principe van toepassing is en dat bpost het heeft geschonden, dan zullen de arbeidsrechtbanken bpost wellicht veroordelen om het loon van de hulppostmannen te verhogen tot het niveau van de betreffende baremiek contractuelen en het kan niet worden uitgesloten dat andere personeelsleden soortgelijke rechtsvorderingen zouden kunnen instellen.

12.10 Belangrijke gebeurtenissen na balansdatum

Geen belangrijke gebeurtenissen, met invloed op de financiële positie, zijn waargenomen na balansdatum.

13 Verklaring van de wettelijke vertegenwoordigers

Het Directiecomité van bpost verklaart dat volgens hun kennis de verkorte geconsolideerde rapportering die opgesteld is in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards ("IFRS"), een getrouw en eerlijk beeld geeft van de activa, de financiële toestand en de resultaten van bpost en van de entiteiten die in de consolidatie zijn opgenomen.

Het financieel verslag geeft een duidelijk beeld van de informatie dat moet vermeld worden ingevolge artikel 13 en 14 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007.

Het Directiecomité van bpost wordt vertegenwoordigd door Koen Van Gerven, gedelegeerd bestuurder en Pierre Winand, Chief Financial Officer.

14 Verklaring van beperkt nazicht

Verslag van het College van Commissarissen - Bedrijfsrevisoren aan de aandeelhouders van de vennootschap bpost NV van publiek recht over het beperkt nazicht van de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële staten voor de periode van zes maanden afgesloten per 30 juni 2014.

Inleiding

Wij hebben de bijgevoegde tussentijdse verkorte financiële toestand van het geconsolideerd geheel ("de balans") van bpost NV van publiek recht (de "Vennootschap") en haar dochterondernemingen (samen "de Groep") per 30 juni 2014 nagekeken, alsook de bijhorende tussentijdse verkorte geconsolideerde resultatenrekening, het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en nietgerealiseerde resultaten, het geconsolideerde mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht voor de periode van zes maanden afgesloten op deze datum, en de toelichtingen, gezamenlijk, de "Tussentijdse Verkorte Geconsolideerde Financiële Staten". Deze staten tonen een geconsolideerd balanstotaal van 2.194,0 miljoen EUR en een geconsolideerde winst voor de periode van zes maanden afgesloten op deze datum van 192,1 miljoen EUR. Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en het voorstellen van deze Tussentijdse Verkorte Geconsolideerde Financiële Staten in overeenstemming met de International Financial Reporting Standard IAS 34 Tussentijdse Financiële Verslaggeving ("IAS 34") zoals goedgekeurd voor toepassing in de Europese Unie. Onze verantwoordelijkheid bestaat erin een conclusie te formuleren over deze Tussentijdse Verkorte Geconsolideerde Financiële Staten op basis van ons beperkt nazicht.

Draagwijdte van ons nazicht

Wij hebben ons beperkt nazicht uitgevoerd in overeenstemming met de Internationale Standaard voor Beoordelingsopdrachten 2410 "Beoordeling van tussentijdse financiële informatie uitgevoerd door de onafhankelijke auditor van de entiteit". Een beperkt nazicht van tussentijdse financiële informatie bestaat uit het bekomen van informatie, hoofdzakelijk van personen verantwoordelijk voor financiële en boekhoudkundige aangelegenheden, en uit het toepassen van analytische en andere werkzaamheden. Een beperkt nazicht is aanzienlijk minder uitgebreid dan een audit uitgevoerd in overeenstemming met de Internationale Controlestandaarden (ISA's). Bijgevolg waarborgt een beperkt nazicht niet dat wij kennis zouden krijgen van alle belangrijke elementen die bij een volledige controle aan het licht zouden komen. Daarom onthouden wij ons van een auditopinie.

Conclusie

Op basis van ons beperkt nazicht wijst niets erop dat de bijgevoegde Tussentijdse Verkorte Geconsolideerde Financiële Staten geen getrouw beeld geven van de financiële toestand van de Groep per 30 juni 2014, en van haar resultaat en kasstromen voor de periode van zes maanden afgesloten op die datum, in overeenstemming met IAS 34.

Diegem, 6 augustus 2014

Het College van Commissarissen – Bedrijfsrevisoren

Ernst & Young Bedrijfsrevisoren BCVBA PVMD Bedrijfsrevisoren BCVBA
Vertegenwoordigd door Vertegenwoordigd door

Eric Golenvaux Lieven Delva Vennoot Vennoot

Talk to a Data Expert

Have a question? We'll get back to you promptly.