AI Terminal

MODULE: AI_ANALYST
Interactive Q&A, Risk Assessment, Summarization
MODULE: DATA_EXTRACT
Excel Export, XBRL Parsing, Table Digitization
MODULE: PEER_COMP
Sector Benchmarking, Sentiment Analysis
SYSTEM ACCESS LOCKED
Authenticate / Register Log In

bpost SA/NV

Quarterly Report Aug 6, 2015

3922_ir_2015-08-06_dcfb235e-7038-4a5e-88f8-8623e6104b79.pdf

Quarterly Report

Open in Viewer

Opens in native device viewer

bpost: resultaten tweede kwartaal 2015

Kernfeiten tweede kwartaal 2015

  • De bedrijfsopbrengsten (inkomsten) bedroegen 597,6 miljoen EUR, d.i. een daling met 2,6% als gevolg van verkiezingen in 2014, de lagere vergoeding voor de DAEB, de managementbeslissing om bepaalde International Mail activiteiten te beperken maar ook door een slechte prestatie in Advertising Mail. Daarentegen is er een sterke groei in pakketten.
  • De onderliggende volumedaling bij Domestic Mail bedroeg -6,1% (-5,1% voor 2Q14) als gevolg van Advertising Mail
  • Domestic Parcels volume steeg met 12,6% (+4,7% voor 2Q14) als gevolg van een sterke e-commerce groei en een aanhoudende positive trend in C2C. Negatief prijs/mix effect ten belope van -3%, maar in mindere mate dan in het eerste kwartaal van 2014.
  • International Parcels steeg met 9,3 miljoen EUR, ingevolge de organische groei vanuit de VS, een positieve wisselkoersimpact en goede melkpoeder volumes naar China.
  • Additional Sources of Revenues voornamelijk beïnvloed door de inperking van International Mail activiteiten met heel lage marges, terwijl de totale winstgevendheid verbeterde.
  • Kosten (exclusief eenmalige elementen en transport) daalden met 14,0 miljoen EUR, en waren perfect onder controle met een sterke productiviteitsverbetering (gemiddelde VTE daling met 829).
  • EBITDA daalde met 3,8 miljoen EUR, waarvan impact verkiezingen -4,6 miljoen EUR en impact DAEB -4,2 miljoen EUR bedroegen, terwijl ons operationeel model blijft werken.
  • Nettowinst van bpost NV (BGAAP) daalde slechts met 0.4 miljoen EUR tot 83,8 miljoen EUR.

Commentaar van de CEO

Koen Van Gerven, CEO, verklaarde: "Door de sterke groei in pakketten en de beter dan geplande kostenbesparingen, zijn we erin geslaagd om de impact van de vermindering van de vergoeding voor publieke diensten (DAEB) ontvangen van de Belgische Staat en de slechte resultaten van reclamepost op onze winstgevendheid te beperken. Deze resultaten bevestigen opnieuw dat ons robust operationeel model zijn vruchten afwerpt. We zitten goed op koers om de vooruitzichten voor het jaar te realizeren. Tevens ben ik verheugd om Koen Beeckmans te verwelkomen als nieuwe CFO. Philippe Dubois zal eveneens het directiecomité vervoegen als Mail Services Operations Director ter vervanging van Kurt Pierloot die op zijn beurt verantwoordelijk wordt voor onze snel groeiende pakjes divisie in combinatie met zijn huidige verantwoordelijkheid voor de internationale activiteiten."

Vooruitzichten

  • We verwachten dat de postvolumes onder aanzienlijke druk zullen blijven staan. Als gevolg daarvan gaan we uit van een onderliggende volumedaling in Domestic Mail van om en bij -6%.
  • De vergoeding voor de DAEB (beheerscontract) zal 16,5 miljoen EUR lager liggen dan in 2014, aangezien de regering heeft beslist om de vergoeding nog te verlagen bovenop het reeds lagere contractuele plafond.
  • We verwachten nu een "high single digit" groei in Domestic Parcels ondanks de toenemende concurrentie. We verwachten ook dat de groei van het pakkettensegment in de VS en Azië zal aanhouden.
  • De productiviteitsverbeteringen verlopen volgens plan en zullen zich zoals verwacht onderaan het gemiddeld jaarbereik van 800 tot 1.200 VTE bevinden.
  • Niettegenstaande de lagere-volumeverwachting bij Domestic Mail, is het onze ambitie om onze recurrente EBIT(DA) op het hoge niveau van 2014 te houden dankzij de gedeeltelijke effecten van het Alpha-plan en een voortdurende focus op kosten. De herstructeringskosten gerelateerd aan Alpha zullen in het derde kwartaal van 2015 geboekt worden.

  • We bevestigen onze ambitie om het dividend op hetzelfde niveau te houden.

  • De kasstromen zouden het normale seizoenspatroon moeten volgen en de netto kapitaalsuitgaven zullen naar verwachting ongeveer 90 miljoen EUR bedragen. De evolutie van het werkkapitaal zal negatief worden beïnvloed door de gunstige fasering in 2014 van betaalde eindrechten en betalingen van belastingen met betrekking tot 2013.

Kerncijfers

2de kwartaal (in miljoen EUR)
Gerapporteerd/Genormaliseerd
2014
2015 evolutie %
Totaal bedrijfsopbrengsten (inkomsten) 613,5 597,6 -2,6%
Bedrijfskosten 449,9 437,9 -2,7%
EBITDA 163,6 159,8 -2,3%
Marge (%) 26,7% 26,7%
EBIT 142,3 138,3 -2,9%
Marge (%) 23,2% 23,1%
Winst voor belastingen 135,5 139,2 2,8%
Belastingen 42,3 48,1
Nettowinst 93,2 91,2 -2,1%
Vrije kasstroom (4,0) (21,3) -
bpost N.V. nettowinst (BGAAP) 84,2 83,8 -0,4%
Nettoschuld/(Netto geldmiddelen) per 30
juni
(684,3) (720,3) 5,3%

Eerste semester (in miljoen EUR)

Gerapporteerd/Genormaliseerd
2014
2015 evolutie %
Totaal bedrijfsopbrengsten (inkomsten) 1.240,2 1.214,2 -2,1%
Bedrijfskosten 903,6 881,7 -2,4%
EBITDA 336,6 332,5 -1,2%
Marge (%) 27,1% 27,4%
EBIT 294,4 289,8 -1,5%
Marge (%) 23,7% 23,9%
Winst voor belastingen 289,0 288,2 -0,3%
Belastingen 97,0 100,5
Nettowinst 192,1 187,7 -2,3%
Vrije kasstroom 363,4(*) 276,8 -23,9%
bpost N.V. nettowinst (BGAAP) 171,5 171,1 -0,2%
Nettoschuld/(Netto geldmiddelen) per 30
juni
(684,3) (720,3) 5,3%

(*)In 2014 bedroeg de genormaliseerde vrije kasstroom 363.6 miljoen EUR

Voor meer informatie: Fred Lens T. +32 495 47 11 52 (enkel pers) Saskia Dheedene T. +32 2 276 7643 (enkel investeerders) www.bpost.be/beurs [email protected]

Tweede kwartaal 2015 - Resultatenrekening

miljoen EUR

De totale bedrijfsopbrengsten daalden met 15,9 miljoen EUR (-2,6 %) tot 597,6 miljoen EUR, gedeeltelijk ingevolge het eenmalige karakter van de verkiezingen van 2014 (-4,6 miljoen EUR), de lagere vergoeding voor de DAEB (-4,2 miljoen EUR), de managementbeslissing om International Mail in te perken (-6.2 miljoen EUR), maar ook als gevolg van de slechte prestatie bij Advertising Mail (-5,9 miljoen EUR, exclusief verkiezingen). Daarentegen werd er wel een heel sterke groei opgetekend bij Parcels (+12,4 miljoen EUR).

Ondanks de negatieve impact van het eenmalige karakter van de verkiezingen van 2014 en de lagere vergoeding voor de DAEB (samen -8,8 miljoen EUR), daalden de EBITDA en de EBIT respectievelijk slechts met 3,8 miljoen EUR en 4,1 miljoen EUR, dankzij kostenbesparingen van 12,0 miljoen EUR. De EBITDA en EBIT-marge waren in lijn met vorig jaar.

Het netto financieel resultaat daalde met 5,2 miljoen EUR door de stijging vorig jaar in financiële kosten (die geen kasuitstroom veroorzaken) gerelateerd aan IAS 19 personeelsbeloningen en dit als gevolg van de daling van de discontovoeten.

De belastingen stegen in vergelijking met vorig jaar, met een werkelijke belastingvoet van 34,5%.

De IFRS nettowinst van de Groep bedroeg 91,2 miljoen EUR. De BGAAP nettowinst van het moederbedrijf bedroeg 83,8 miljoen EUR, een daling met slechts 0,4 miljoen EUR.

Eerste semester 2015 - Resultatenrekening

miljoen EUR

De totale bedrijfsopbrengsten daalden met 26,0 miljoen EUR (-2,1%) tot 1.214,2 miljoen EUR. Als de lagere vergoeding voor de DAEB (-8,3 miljoen EUR) en de impact van de verkiezingen van 2014 (-4,6 miljoen EUR) niet in aanmerking worden genomen, dan daalden de bedrijfsopbrengsten met 13,1 miljoen EUR. De onderliggende volumedaling van Domestic Mail (-38,6 miljoen EUR) en de inperking van de International Mail activiteiten met zeer lage marges, die vooral de daling van de Additional Sources of Revenues (-10,3 miljoen EUR) verklaarden, werden gedeeltelijk gecompenseerd door een sterke groei bij Parcels (+24,0 miljoen EUR) en de prijsverhogingen bij Domestic Mail (+11,5 miljoen EUR).

Ondanks de negatieve impact van het eenmalige karakter van de verkiezingen van 2014 en de lagere vergoeding voor de DAEB (samen -12,9 miljoen EUR), lagen de EBITDA en de EBIT respectievelijk slechts 4,1 en 4,6 miljoen lager dan vorig jaar. Dit was het resultaat van een verdere strikte kostenbeheersing die 21,9 miljoen EUR genereerde, waardoor we de hierboven vermelde effecten op onze resultaten bijna volledig konden neutraliseren.

De belastingen stegen in vergelijking met vorig jaar, met een werkelijke belastingvoet van 34,9%.

De IFRS nettowinst van de Groep bedroeg 187,7 miljoen EUR. De BGAAP nettowinst van het moederbedrijf bedroeg 171,1 miljoen EUR, bijna stabiel ten opzichte van vorig jaar.

Totaal bedrijfsopbrengsten

Totale bedrijfsopbrengsten: groepsoverzicht

Tweede kwartaal 2015

Ingevolge een correctie van de toewijzing van contante verkoop (zegels en frankeermachines) aan producten vanaf 1 januari 2015, worden bepaalde inkomsten van Domestic Parcels overgeheveld naar Transactional Mail. Daarnaast worden bepaalde intra groep eliminaties, die voornamelijk gerelateerd zijn aan internationale activiteiten en vroeger gerapporteerd werden onder Overige inkomsten, opgenomen onder hun overeenkomstige productlijnen. Teneinde deze wijzigingen weer te geven, werden de cijfers van 2014 op het niveau van de productlijnen vergelijkbaar gemaakt. De vergelijkbare cijfers zijn terug te vinden onder de notie "vergelijkbaar". De hierna vermelde verschillen vergelijken de cijfers van 2015 met de vergelijkbare cijfers van 2014.

In miljoen EUR 2Q14 Herclas
sificaties
2Q14
Ver
Gelijk
baar
DAEB Organisch 2Q15 % Org Onder
liggend
vol. % ∆
Domestic Mail 385,1 0,5 385,5 (3,0) (18,5) 364,0 -4,8% -6,1%
Transactional Mail 235,8 0,6 236,5 (7,6) 228,8 -3,2% -5,3%
Advertising Mail 71,4 (0,2) 71,2 (9,8) 61,4 -13,7% -9,9%
Press 77,9 0,0 77,9 (3,0) (1,1) 73,8 -1,4% -4,0%
Parcels 70,8 (1,9) 68,9 0,0 12,4 81,2 17,9%
Domestic Parcels 37,0 (0,9) 36,1 3,3 39,4 9,3% +12,6%
International
Parcels
30,8 (0,7) 30,0 9,3 39,4 31,0%
Special Logistics 3,1 (0,3) 2,8 (0,3) 2,5 -11,6%
Additional
Sources of
Revenues
151,3 1,5 152,8 (1,1) (6,2) 145,4 -4,1%
International Mail 49,6 (1,2) 48,4 (6,4) 42,1 -13,1%
Value Added
Services
24,1 (0,9) 23,2 0,2 23,4 0,9%
Banking and
Financial Products
52,0 (0,0) 51,9 (0,1) (0,1) 51,7 -0,2%
Overige 25,6 3,6 29,2 (1,0) 0,0 28,2 0,1%
Corporate 6,3 0,0 6,3 0,6 6,9 10,2%
TOTAAL 613,5 0,0 613,5 (4,2) (11,7) 597,6 -1,9%

De inkomsten uit Domestic Mail daalden met 18,5 miljoen EUR (-4,8%) tot 364,0 miljoen EUR. De gerapporteerde volumedaling bedroeg -7,6%, terwijl de onderliggende volumedaling (d.i. de herkwalificatie van Advertising Mail naar Administrative Mail en de impact van de verkiezingen van 2014 niet in aanmerking genomen) -6,1% bedroeg (tegenover -5,3% voor het eerste kwartaal van 2015). De gerapporteerde volumedaling bij Transactional Mail bedroeg -5,8%, terwijl het onderliggende cijfer stabiel bleef op -5,3%, aangezien er tijdens het kwartaal op het vlak van e-substitutie geen verslechterende trends werden vastgesteld. Advertising Mail liet een slechte prestatie op het vlak van volume optekenen, -15,4% op gerapporteerde basis en -9,9% op onderliggende basis (de herkwalificatie en de verkiezingen van 2014 niet in aanmerking genomen), hetgeen gedeeltelijk is toe te schrijven aan een zwakke reclamemarkt. De volumes bij Press kenden een ietwat sterkere daling (-4,0%) dan tijdens de vorige kwartalen, voornamelijk als gevolg van een moeilijk klimaat voor tijdschriften. Als we de impact van de verkiezingen in 2014 (-4,6 miljoen EUR) niet in aanmerking nemen, dan beïnvloedden de totale dalingen van de postvolumes de inkomsten met 20,7 miljoen EUR, gedeeltelijk gecompenseerd door de nettoverbetering in prijs/mix in lijn met het aangekondigde beleid, ten bedrage van 6,8 miljoen EUR.

De Parcels lieten een sterke prestaties optekenen, met een organische groei van 12,4 miljoen EUR. De volumegroei bij Domestic Parcels steeg fors tot 12,6%, tegenover het reeds hoge percentage van 10,2% in het eerste kwartaal van 2015 en 7,0% voor het volledige jaar 2014. Die groei was toe te schrijven aan de sterke groei van e-tailingklanten en het zich voortzettende herstel van de C2C pakketten dankzij het nieuwe productaanbod. De evolutie van de inkomsten werd beïnvloed door een negatief prijs/mixeffect van -3,0%, maar in mindere mate dan in het eerste kwartaal van 2015. Dit wordt verklaard door de snellere groei van grote e-tailers met hoge volumes en lagere prijzen dan de kleinere klanten. International Parcels steeg met 9,3 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de toegenomen volumes op routes vanuit de VS en China (+9,4 miljoen EUR, daarbij geholpen door een gunstige wisselkoersimpact van +5,5 miljoen EUR) in combinatie met goede melkpoeder volumes naar China (+1,2 miljoen EUR).

Additional Sources of Revenues waren in lijn met vorig jaar, uitgezonderd voor International Mail, hetgeen leidde tot een organische daling met 6,2 miljoen EUR om 145,4 miljoen EUR te bereiken. De verkoop van International Mail werd beïnvloed door de inperking van activiteiten met zeer lage marges (-6,2 miljoen EUR). De inkomsten voor Value Added Services (+0,2 miljoen EUR) stegen, terwijl de inkomsten voor Banking and Financial Services daalden doordat de lagere commissie gerelateerd aan de AUM groei in bpost bank bijna volledig werd gecompenseerd door de groei bij andere financiële diensten zoals prepaid cards en de verkoop van Western Union.

De inkomsten uit Corporate stegen lichtjes met 0,6 miljoen EUR tot 6,9 miljoen EUR.

In miljoen EUR YTD14 Herclas
sificaties
YTD14
Vergelijk
baar
DAEB Orga
nisch
YTD15 % Org Onder
liggend
vol. % ∆
Domestic Mail 771,9 1,1 773,0 (6,1) (31,6) 735,3 -4,1% -5,7%
Transactional Mail 474,7 1,5 476,2 (14,8) 461,4 -3,1% -5,3%
Advertising Mail 141,6 (0,4) 141,2 (15,1) 126,1 -10,7% -7,9%
Press 155,6 0,0 155,6 (6,1) (1,8) 147,7 -1,2% -3,5%
Parcels 144,2 (3,7) 140,5 0,0 24,0 164,5 17,1%
Domestic Parcels 75,2 (1,9) 73,3 5,6 78,9 7,6% +11,4%
International Parcels 62,2 (1,2) 61,0 19,6 80,6 32,1%
Special Logistics 6,8 (0,6) 6,2 (1,2) 5,0 -18,8%
Additional Sources
of Revenues
306,0 2,6 308,7 (2,3) (10,3) 296,1 -3,3%
International Mail 99,9 (2,1) 97,8 (10,5) 87,3 -10,7%
Value Added Services 48,7 (1,8) 47,0 0,8 47,7 1,6%
Banking and Financial 104,4 (0,1) 104,3 (0,2) (0,6) 103,4 -0,6%
Overige 53,1 6,6 59,6 (2,0) (0,0) 57,6 -0,0%
Corporate 18,1 0,0 18,1 0,3 18,3 1,5%
TOTAAL 1.240,2 0,0 1.240,2 (8,3) (17,7) 1.214,2 -1,4%

Eerste semester 2015

De inkomsten uit Domestic Mail bedroegen 735,3 miljoen EUR in het eerste semester van 2015, d.i. een organische daling met 31,6 miljoen EUR tegenover vorig jaar (inclusief de impact van de verkiezingen voor -4,6 miljoen EUR). Dit is het gevolg van een gerapporteerde volume-evolutie van -6,5% en een onderliggende volume-evolutie van -5,7% (d.i. de herkwalificatie van Advertising Mail naar Administrative Mail en de impact van de verkiezingen van 2014 niet in aanmerking genomen), gedeeltelijk gecompenseerd door een prijs/mixverbetering.

De inkomsten uit Parcels bereikten 164,5 miljoen EUR (+24,0 miljoen EUR organische groei), als gevolg van een volumestijging van +11,4% bij Domestic Parcels en als gevolg van een sterke ontwikkeling bij International Parcels, daarbij geholpen door een gunstige wisselkoersimpact (+11,1 miljoen EUR).

Additional Sources of Revenues bedroegen 296,1 miljoen EUR, d.i. een daling met 10,3 miljoen EUR, voornamelijk als gevolg van de inperking van de International Mail activiteiten met zeer lage marges.

Bedrijfskosten

Tweede kwartaal 2015

In miljoen EUR 2Q14 2Q15 Evolutie
%
Personeelskosten en kosten voor uitzendarbeid 303,6 282,8 -6,9%
VTE 25.259 24.430 -829
Diensten en diverse goederen (excl. uitzendarbeid- en transportkosten) 88,7 90,3 1,8%
Transportkosten 48,4 50,3 4,1%
Overige kosten 9,2 14,4 57,0%
TOTAAL BEDRIJFSKOSTEN 449,9 437,9 -2,7%

De totale bedrijfskosten bereikten 437,9 miljoen EUR en daalden met 2,7%. Als we eenmalige elementen en transportkosten niet in aanmerking nemen, dan daalden de bedrijfskosten met 14,0 miljoen EUR op een onderliggende basis.

De personeelskosten en kosten voor uitzendarbeid daalden met 20,8 miljoen EUR, maar werden beïnvloed door een eenmalige positieve afrekening van sociale lasten (5,7 miljoen EUR). Als we dit element niet in aanmerking nemen, dan daalden de personeelskosten en kosten voor uitzendarbeid met 15,1 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge productiviteitsverbeteringen in ons netwerk en de gedeeltelijke effecten van Alpha, die samen leidden tot een gemiddelde jaar-over-jaar vermindering met 829 VTE, waardoor er 10,0 miljoen EUR werd bespaard. De aanwerving van hulppostmannen creëerde een gunstig mixeffect van 1,7 miljoen EUR. Bovendien resulteerden een lager aantal managers ingevolge het Alpha-project en de ermee gepaard gaande aanwervingsstop in een positief mixeffect van 1,5 miljoen EUR. Dit kwartaal was het prijseffect positief (0,8 miljoen EUR), ingevolge een faseringseffect in het tweede kwartaal van vorig jaar waarin twee kwartalen van de CAO-impact werden geboekt. Dit werd gedeeltelijk gecompenseerd door de normale loonsverhogingen en verdiensten. Tot slot werd een gunstige evolutie van de tegoeden aan verlof (een daling met 1,3 miljoen EUR) gedeeltelijk gecompenseerd door een lichte stijging van de kosten voor personeelsbeloningen (stijging met 0,8 miljoen EUR).

Diensten en diverse goederen exclusief kosten voor uitzendarbeid en transportkosten stegen lichtjes in het tweede kwartaal van 2015 met 1,8% of 1,6 miljoen EUR. Er werd een beperkte stijging in verschillende kostencategorieën vastgesteld.

De transportkosten bedroegen 50,3 miljoen EUR, d.i. 2,0 miljoen EUR meer in vergelijking met vorig jaar (hetzij 4,1%) en werden negatief beïnvloed door wisselkoerseffecten (6,1 miljoen EUR), lagere afrekeningen van de eindrechten van de vorige jaren (2,2 miljoen EUR) en de groei van International Parcels. Deze effecten werden gedeeltelijk gecompenseerd door de inperking van de wholesale activiteiten bij International Mail.

Overige kosten stegen met 5,2 miljoen EUR. Als we 2 eenmalige elementen, nl. de minder gunstige evolutie van voorzieningen (3,7 miljoen EUR) en de impact van de earn-out van Gout (2,0 miljoen EUR) niet in aanmerking nemen, dan bedroeg de verbetering 0,5 miljoen EUR.

Eerste semester 2015

Totaal van het jaar
In miljoen EUR 2014 2015 Evolutie
%
Personeelskosten en kosten voor uitzendarbeid 610,3 577,3 -5,4%
VTE 25.201 24.446 -755
Diensten en diverse goederen (excl. uitzendarbeid- en transportkosten) 178,4 176,9 -0,8%
Transportkosten 99,0 103,0 4,0%
Overige kosten 15,9 24,6 54,6%
TOTAAL BEDRIJFSKOSTEN 903,6 881,7 -2,4%

In het eerste semester van 2015 daalden de totale bedrijfskosten met 21,9 miljoen EUR, hetzij met 2,4%. Deze daling is voornamelijk het gevolg van de daling van de personeelskosten en kosten voor uitzendarbeid (-33,1 miljoen EUR), gedeeltelijk gecompenseerd door de stijging van de transportkosten (+4,0 miljoen EUR) en overige kosten (+8,7 miljoen EUR).

In het eerste semester van 2015 daalden de personeelskosten en kosten voor uitzendarbeid met 33,1 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de vermindering van het gemiddelde personeelsbestand met 755 VTE, een positief mixeffect dat voortvloeit uit de aanwerving van hulppostmannen, een aanwervingsstop voor managers als gevolg van Alpha, en geholpen door een eenmalige positieve afrekening van sociale lasten.

Diensten en diverse goederen exclusief kosten voor uitzendarbeid en transportkosten kenden een daling met 1,5 miljoen EUR, hetzij 0,8%.

In het eerste semester van 2015 bedroegen de transportkosten 103,0 miljoen EUR, hetzij 4,0% (4,0 miljoen EUR) hoger dan in dezelfde periode in 2014. Deze werden negatief beïnvloed door wisselkoerseffecten (12,0 miljoen EUR), lagere afrekeningen van de eindrechten van de vorige jaren (2,6 miljoen EUR) en de groei van International Parcels, gedeeltelijk gecompenseerd door de inperking van de wholesale activiteiten bij International Mail.

De stijging van overige kosten in het eerste semester van 2015 bedroeg 8,7 miljoen EUR, hetzij 54,6%, ingevolge de minder gunstige evolutie van de voorzieningen (6,0 miljoen EUR), de earn-out gerelateerd aan Gout en de lagere stijging van terugvorderbare BTW.

Kasstroomoverzicht

Tweede kwartaal 2015

In het tweede kwartaal van 2015 steeg de nettokasuitstroom in vergelijking met dezelfde periode van vorig jaar met 20,9 miljoen EUR tot 65,5 miljoen EUR.

De vrije kasstroom (-21.3 miljoen EUR) ligt 17,3 miljoen EUR lager dan vorig jaar.

De kasstroom uit bedrijfsactiviteiten daalde met 15,2 miljoen EUR in vergelijking met dezelfde periode van vorig jaar. De resultaten uit bedrijfsactiviteiten daalden met 3,1 miljoen EUR, terwijl het werkkapitaal met 12,1 miljoen EUR verslechterde. De negatieve evolutie van het werkkapitaal is voornamelijk toe te schrijven aan een verslechtering in de betalingen van staatsinstellingen (-4,2 miljoen EUR) en aan een wijziging in de betalingstermijnen voor sociale zekerheidslasten voor statutaire personeelsleden (-8,6 miljoen EUR, dit is een faseringselement).

De investeringsactiviteiten genereerden een kasuitstroom van 17,9 miljoen EUR in het tweede kwartaal van 2015 in vergelijking met een kasuitstroom van 15,8 miljoen EUR voor dezelfde periode vorig jaar. De stijging is toe te schrijven aan earn-outs van Landmark en Gout die in 2015 werden

betaald (-10,9 miljoen EUR), gedeeltelijk gecompenseerd door hogere opbrengsten uit de verkoop van materiële vaste activa (+2,3 miljoen EUR) en lagere kapitaalsuitgaven (+6,5 miljoen EUR).

De kasuitstroom gerelateerd aan de financieringsactiviteiten bedroeg 44,2 miljoen EUR. Dat is 3,7 miljoen EUR meer dan tijdens dezelfde periode van vorig jaar, voornamelijk als gevolg van de uitkering van een hoger dividend in 2015.

Eerste semester 2015

In het eerste semester van 2015 genereerde bpost 232,4 miljoen EUR aan geldmiddelen. Dit is een daling met 89,8 miljoen EUR in vergelijking met de nettokasinstroom van 322,2 miljoen EUR tijdens dezelfde periode van vorig jaar.

De kasstroom uit bedrijfsactiviteiten resulteerde in een kasinstroom van 303,2 miljoen EUR, hetzij 93,2 miljoen EUR minder dan tijdens dezelfde periode van vorig jaar. De resultaten uit bedrijfsactiviteiten daalden met 3,2 miljoen EUR en een bedrag van 42,0 miljoen EUR belastingen met betrekking tot de resultaten van 2013 werd betaald tijdens het eerste kwartaal van 2015. Daarnaast daalde het werkkapitaal met 48,2 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de vroegere ontvangst vorig jaar van twee afrekeningen met postoperatoren (-24,8 miljoen EUR), een wijziging in de betalingstermijnen voor sociale zekerheidslasten voor statutaire personeelsleden (-8,6 miljoen EUR, een faseringselement), een lagere vergoeding voor de DAEB die tijdens het eerste semester van 2015 werd ontvangen (-5,4 miljoen EUR) en een negatieve faseringsimpact in BTW (-4,1 miljoen EUR).

De investeringsactiviteiten genereerden een kasuitstroom van 26,4 miljoen EUR in het eerste semester van 2015, tegenover een kasuitstroom van 33,1 miljoen EUR voor dezelfde periode van vorig jaar. Deze daling is voornamelijk het gevolg van lagere kapitaalsuitgaven (+6,4 miljoen EUR) en hogere opbrengsten uit de verkoop van materiële vaste activa (+2,5 miljoen EUR). Deze effecten werden gedeeltelijk gecompenseerd door hogere kasuitstromen met betrekking tot de dochterondernemingen (-2,2 miljoen EUR).

De kasuitstroom uit financieringsactiviteiten bedroeg 44,4 miljoen EUR, d.i. een stijging met 3,3 miljoen EUR in vergelijking met vorig jaar.

Belangrijkste gebeurtenissen in het tweede kwartaal

bpost, de enige kandidaat voor de perscontracten

Het BIPT (Belgisch Instituut voor Postdiensten en Telecommunicatie) deelde mee dat bpost de enige kandidaat is die een offerte heeft ingediend voor de concessie van de uitreiking van zowel kranten als tijdschriften vanaf 1 januari 2016 voor een periode van vijf jaar. Op dit ogenblik werd hierover nog geen beslissing genomen.

bpost en CityDepot slaan de handen in elkaar

bpost en CityDepot zijn overeengekomen om samen te werken, hun ervaring samen te voegen en hun geografische aanwezigheid te combineren om zodoende een leidende positie in te nemen op de distributiemarkt in steden en om hun dienstenaanbod naar andere delen van het land uit te breiden. Samen vormen ze een nieuwe entiteit, "CityDepot NV", die geleid zal worden door Marc Schepers, de oprichter van CityDepot. bpost zal de grootste aandeelhouder zijn en het is de bedoeling dat het zijn participatie tijdens de komende jaren zal vergroten.

CityDepot, dat werd opgericht in 2011, lanceerde als eerste een stedelijk distributiesysteem in Hasselt en later ook in Brussel. In 2014 lanceerde bpost in Antwerpen een gelijkaardige dienst, onder de naam City Logistics. De nieuwe entiteit zal de activiteiten en de 25 werknemers van de bestaande entiteiten CityDepot en City Logistics overnemen.

De Belgische regering keurde een ontwerp goed om de wet van 1991 op de overheidsbedrijven te wijzigen.

De bedoeling van dit ontwerp is om een gelijkaardig wettelijk kader te voorzien voor overheidsbedrijven in vergelijking met hun concurrenten. Het biedt deze bedrijven de mogelijkheid om, naast statutaire werknemers, een beroep te doen op contractuele werknemers en in sommige gevallen op zelfstandigen. Daarnaast biedt dit ontwerp de regering de mogelijkheid om, in overeenstemming met bepaalde vereisten, hun meerderheidsparticipatie gedeeltelijk of volledig af te bouwen. Tot slot bevat het ook enkele "corporate governance"-kwesties: de benoeming van de bestuurders zou enkel kunnen gebeuren door de Algemene Vergadering en de benoeming van de CEO enkel door de Raad van Bestuur.

Pierre Winand, Chief Financial Officer van bpost en lid van het uitvoerend comité, verliet bpost op 1 juli.

Financiële kalender

Telefonische vergadering met de analisten
Begin stille periode voorafgaand aan de 3Q15 resultaten
Financiële resultaten 3Q15
Telefonische vergadering met de analisten
Financiële resultaten 10 eerste maanden van 2015
Ex-dividend datum (interim dividend)
Registratiedatum (interim dividend)
Uitbetalingdatum van het interimdividend

Tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening1

Tussentijdse geconsolideerde resultatenrekening
TOE Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR LICH
TING
2014 2015 2014 2015
Omzet 6 1.231,7 1.206,3 609,2 593,7
Overige bedrijfsopbrengsten 8,5 7,9 4,2 3,9
TOTAAL BEDRIJFSOPBRENGSTEN 1.240,2 1.214,2 613,5 597,6
Materiaalkost (15,1) (13,7) (7,1) (6,3)
Diensten en diverse goederen 7 (292,4) (294,8) (146,4) (148,8)
Personeelskosten (595,3) (562,4) (294,3) (274,7)
Overige bedrijfskosten (0,8) (10,9) (2,1) (8,1)
Afschrijvingen en waardeverminderingen (42,2) (42,6) (21,2) (21,5)
TOTAAL BEDRIJFSKOSTEN (945,8) (924,4) (471,1) (459,4)
BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT) 294,4 289,8 142,3 138,3
Financiële opbrengsten 2,1 2,1 0,9 0,7
Financiële kosten (13,7) (8,3) (10,4) (5,1)
Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen 6,3 4,6 2,7 5,4
RESULTAAT UIT GEWONE BEDRIJFSUITVOERING 289.0 288,2 135,5 139,2
Belastingen (97,0) (100,5) (42,3) (48,1)
NETTORESULTAAT VAN DE PERIODE 192,1 187,7 93,2 91,2
Toerekenbaar aan:
Aandeelhouders van bpost 190,7 186,7 92,2 91,0
Minderheidsbelangen 1,4 1,0 0,9 0,1

WINST PER AANDEEL

Totaal van het jaar 2de kwartaal
In EUR 2014 2015 2014 2015
► gewone winst van het jaar, toe te rekenen aan de houders van
gewone aandelen van de moederschappij
0,95 0,93 0,46 0,46
► verwaterde winst van het jaar, toe te rekenen aan houders van
gewone aandelen van de moedermaatschappij
0,95 0,93 0,46 0,46

Overeenkomstig IAS 33 dient de verwaterde winst per aandeel berekend te worden door het nettoresultaat toerekenbaar aan de houders van gewone aandelen van de moedermaatschappij (na aanpassing van de effecten van alle potentiële verwaterde gewone aandelen) te delen door het

1 De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met IAS 34 Tussentijdse Financiële Rapportering

gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen tijdens het jaar, vermeerderd met het gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen dat zou worden uitgegeven bij een omzetting van alle aandelenopties in gewone aandelen.

In het geval van bpost is er geen effect van verwatering op het netto resultaat toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen en op het gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen.

Tussentijds overzicht van de gerealiseerde en de niet-gerealiseerde resultaten

Per 30
juni
Per 30
juni
In miljoen EUR 2014 2015
NETTORESULTAAT VAN DE PERIODE 192,1 187,7
NIET GEREALISEERDE RESULTATEN
Niet gerealiseerde resultaten die geherklasseerd worden naar de resultatenrekening in
volgende periodes (na belastingen):
Wisselkoersverschillen uit omrekening van buitenlandse activiteiten 0,0 0,5
NETTO NIET GEREALISEERDE WINST/(VERLIES) DIE GEHERKLASSEERD
WORDT NAAR DE RESULTATENREKENING IN VOLGENDE PERIODES
0,0 0,5
Niet gerealiseerde resultaten die niet geherklasseerd worden naar de
resultatenrekening in volgende periodes (na belastingen):
Reële waarde van financiële activa beschikbaar voor verkoop door geassocieerde
ondernemingen
58,6 (38,5)
(Verlies) winst op voor verkoop beschikbare financiële activa 88,9 (58,3)
Inkomstenbelastingseffect (30,3) 19,8
Reële waarde van actuariële resultaten met betrekking tot toegezegde
pensioenregelingen
(0,2) 4,2
Actuariële winsten/(verliezen) met betrekking tot toegezegde pensioenregelingen (2,3) 4,8
Inkomstenbelastingseffect 2,1 (0,6)
NETTO NIET GEREALISEERDE WINST/(VERLIES) DIE NIET GEHERKLASSEERD
WORDT NAAR DE RESULTATENREKENING IN VOLGENDE PERIODES
58,3 (34,3)
NIET-GEREALISEERDE WINST/(VERLIES) NA BELASTINGEN 58,3 (33,8)
TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN NA
BELASTINGEN
250,4 154,0
Toerekenbaar aan:
Aandeelhouders van bpost 249,0 153,0
Minderheidsbelangen 1,4 1,0

Tussentijdse geconsolideerde balans

TOE Per 31 december Per 30 juni
In miljoen EUR LICH
TING
2014 2015
Activa
Vaste activa
Materiële vaste activa 8 565,7 547,9
Immateriële vaste activa 89,5 90,6
Investeringen in geassocieerde deelnemingen 9 416,5 382,6
Vastgoedbeleggingen 8,7 7,6
Uitgestelde belastingsvorderingen 61,0 53,8
Handels- en overige vorderingen 2,6 2,2
1.144,0 1.084,8
Vlottende activa
Activa aangehouden voor verkoop 2,8 0,7
Voorraden 12,5 10,7
Te ontvangen belastingen 1,9 2,2
Handels- en overige vorderingen 10 398,3 324,0
Geldmiddelen en kasequivalenten 11 562,3 795,9
977,8 1.133,5
TOTAAL ACTIVA 2.121,8 2.218,3
Eigen vermogen en passiva
Eigen vermogen toerekenbaar aan de eigenaars van de moedermaatschappij
Geplaatst kapitaal 364,0 364,0
Eigen aandelen 0,0 0,0
Reserves 229,4 235,4
Omrekeningsverschillen 0,6 1,1
Overgedragen resultaat 87,5 187,7
681,4 788,2
Minderheidsbelangen 0,0 0,0
TOTAAL EIGEN VERMOGEN 681,4 788,2
Langlopende verplichtingen
Rentedragende verplichtingen en leningen 65,7 65,7
Personeelsbeloningen 12 368,6 353,7
Handels- en overige schulden 13 79,8 57,0
Voorzieningen 37,1 35,7
Uitgestelde belastingsverplichtingen 1,4 1,4
552,5 513,5
Kortlopende verplichtingen
Rentedragende verplichtingen en leningen 10,0 9,5
Bankvoorschotten in rekening-courant 0,3 0,2
Voorzieningen 27,7 30,3
Te betalen belastingen 14 67,3 115,9
Handels- en overige schulden 15 782,6 760,8
887,8 916,7
TOTAAL PASSIVA 1.440,4 1.430,1
TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN PASSIVA 2.121,8 2.218,3

Tussentijds mutatieoverzicht van het eigen vermogen

Eigen vermogen toerekenbaar aan de eigenaars van de moedermaatschappij

In miljoen EUR Geplaatst
kapitaal /
toegelaten
kapitaal
Eigen
aan
delen
Overige
reserves
Omreke
ningsver
schillen
Overge
dragen
resultaat
Totaal Minder
heids
belangen
Totaal
eigen
vermo
-gen
PER 1 JANUARI 2014 364,0 0,0 111,0 0,0 101,9 576,9 0,0 576,9
Resultaat van het jaar
2014
190,7 190,7 1,4 192,1
Niet-gerealiseerde
resultaten
160,2 (101,9) 58,3 58,3
TOTAAL VAN DE
GEREALISEERDE EN
NIET
GEREALISEERDE
RESULTATEN
0,0 0,0 160,2 0,0 88,8 249,0 1,4 250,4
Dividenden (betaling) (40,0) (40,0) 0,0 (40,0)
Andere 0,3 1,4 1,7 (1,4) 0,3
PER 30 JUNI 2014 364,0 0,0 231,5 0,0 192,1 787,6 0,0 787,6
AS PER 1 JANUARI
2015
364,0 0,0 229,4 0,6 87,5 681,4 0,0 681,4
Resultaat van het jaar
2015
186,7 186,7 1,0 187,7
Niet-gerealiseerde
resultaten
53,2 0,5 (87,5) (33,8) (33,8)
TOTAAL VAN DE
GEREALISEERDE EN
NIET
GEREALISEERDE
RESULTATEN
0,0 0,0 53,2 0,5 99,2 153,0 1,0 154,0
Dividenden (betaling) (44,0) 0,0 (44,0) 0,0 (44,0)
Andere (3,2) 1,0 (2,2) (1,0) (3,2)
PER 30 JUNI 2015 364,0 (0,0) 235,4 1,1 187,7 788,2 0,0 788,2

Het eigen vermogen steeg met 106,8 miljoen EUR, of 15,7%, tot 788,2 miljoen EUR per 30 juni 2015 van 681,4 miljoen EUR per 31 december 2014. De stijging was voornamelijk toe te schrijven aan de gerealiseerde winst van 187,7 miljoen EUR gedeeltelijk gecompenseerd door de negatieve aanpassing van de reële waarde met betrekking tot de obligatieportefeuille van bpost bank ten bedrage van 38,5 miljoen EUR en de betaling van de dividenden ten bedrage van 44,0 miljoen EUR.

Tussentijds geconsolideerd kasstroomoverzicht

Totaal van het
jaar
2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2015 2014 2015
Operationele activiteiten
Resultaat voor belastingen 289,0 288,2 135,5 139,2
Afschrijvingen 42,2 42,2 21,2 21,1
Dubieuze debiteuren 1,1 0,2 1,3 0,5
Winst op de realisatie van materiële vaste activa (4,7) (5,0) (2,3) (2,7)
Wijziging in personeelsbeloningen (1,9) (10,1) (0,1) (6,4)
Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen (6,3) (4,6) (2,7) (5,4)
Betaalde belastingen (3,6) (4,3) (1,7) (1,9)
Betaalde belastingen m.b.t. voorgaande jaren 0,0 (42,0) 0,0 0,0
BEDRIJFSKASSTROOM VOOR WIJZIGING IN BEDRIJFSKAPITAAL
EN VOORZIENINGEN
315,8 264,6 151,2 144,4
Afname / (toename) van handels- en overige vorderingen 89,0 75,7 8,0 (8,9)
Afname / (toename) in voorraden (0,3) 1,6 (0,1) 0,7
Toename / (afname) van handels- en overige schulden (3,1) (39,8) (144,0) (140,0)
Ontvangen deposito's van derden (0,2) 0,0 (0,0) 0,0
Toename / (afname) van voorzieningen (4,9) 1,2 (3,2) 0,5
NETTO KASSTROOM UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN 396,4 303,2 11,8 (3,3)
Investeringsactiviteiten
Ontvangsten uit de verkoop van materiële vaste activa 5,7 8,2 3,0 5,3
Verwerving van materiële vaste activa (24,5) (17,4) (15,7) (9,5)
Verwerving van immateriële activa (5,6) (6,3) (3,2) (2,8)
Verwerving van overige investeringen (0,0) 0,0 0,0 (0,0)
Verwerving van dochterondernemingen, na aftrek van verworven
liquide middelen
(8,7) (10,9) 0,0 (10,9)
NETTO KASSTROOM UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN (33,1) (26,4) (15,8) (17,9)
Financieringsactiviteiten
Aflossingen van leningen en schulden financiële leasing (1,2) (0,4) (0,5) (0,2)
Dividenden (40,0) (44,0) (40,0) (44,0)
NETTO KASSTROOM UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN (41,2) (44,4) (40,5) (44,2)
NETTO TOENAME VAN GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN 322,2 232,4 (44,5) (65,5)
NETTO IMPACT WISSELKOERSVERSCHILLEN 0,0 1,3 0,0 0,5
Geldmiddelen en kasequivalenten min bankvoorschotten in rekening
courant per 1 januari
448,0 562,0
Geldmiddelen en kasequivalenten min bankvoorschotten in rekening
courant per 30 juni
770,2 795,7
BEWEGINGEN TUSSEN 1 JANUARI EN 30 JUNI 322,2 233,7

Toelichting bij de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële jaarrekening

1. Bedrijfsinformatie

De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening van bpost voor de eerste zes maanden eindigend op 30 juni 2015 werd goedgekeurd voor uitgifte overeenkomstig het besluit van de Raad van Bestuur van 6 augustus 2015.

Bedrijfsactiviteiten

bpost en zijn dochterondernemingen (hierna "bpost" genoemd) leveren nationale en internationale post- en pakjesdiensten, die bestaan uit de ophaling, het transport, de sortering en de uitreiking van geadresseerde en ongeadresseerde poststukken, drukwerk, dagbladen en pakketten.

Via zijn dochterondernemingen en business units verkoopt bpost ook een waaier andere producten en diensten, waaronder postdiensten, bank- en financiële producten, express diensten, documentbeheer en aanverwante activiteiten. bpost voert eveneens namens de overheid Diensten van Algemeen Economisch Belang (DAEB) uit.

Juridisch statuut

bpost is een naamloze vennootschap naar publiek recht van België. bpost heeft zijn maatschappelijke zetel in het Muntcentrum, 1000 Brussel.

2. Basis voor de voorbereiding en de boekhoudkundige principes

Basis voor de voorbereiding

Deze tussentijdse financiële jaarrekening werd door de statutaire auditor nagezien (zie verklaring van beperkt nazicht).

De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening voor de zes maanden eindigend op 30 juni 2015, is opgesteld in overeenstemming met IAS 34 Tussentijdse Financiële Rapportering.

De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening bevat niet alle informatie en toelichtingen zoals vereist in de jaarrekening en dient te worden gelezen in combinatie met de jaarrekening van bpost op 31 december 2014.

Belangrijke boekhoudkundige principes

De boekhoudregels die toegepast werden voor de tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening zijn consistent met diegene die gebruikt zijn bij het opstellen van de jaarrekening van bpost voor het jaar eindigend op 31 december 2014, met uitzondering van de invoering van nieuwe standaarden en interpretaties die vanaf 1 januari 2015 in voege zijn.

Vanaf 1 januari 2015 past bpost bank IFRIC 21 "heffingen" toe. Deze interpretatie verduidelijkt dat een entiteit een verplichting voor een heffing moet opnemen als de activiteit die tot de heffing leidt, zoals bepaald door de betreffende wetgeving, plaatsvindt. Ze verduidelijkt eveneens dat een heffingsverplichting enkel progressief wordt opgenomen indien de tot verplichting leidende gebeurtenis zich spreidt over een periode, in overeenstemming met de betreffende wetgeving. De toepassing van die interpretatie heeft voornamelijk invloed op de seizoensgevoeligheid van de resultaten van bpost bank. De resultaten van bpost bank worden weerspiegeld in het aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen van de resultatenrekening van bpost.

De volgende tabel toont een vergelijking van de resultaten van bpost bank waarvoor de voor 2014 gerapporteerde cijfers vergelijkbaar werden gemaakt met 2015 voor wat betreft de impact van IFRIC 21.

Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014
Gerappor
teerd
2014
Vergelijkba
ar
2015 2014
Gerappor
teerd
2014
Vergelijkba
ar
2015
Aandeel in het resultaat van
geassocieerde deelnemingen
6,3 3,8 4,6 2,7 3,9 5,4

De volgende nieuwe standaarden en wijzigingen, die in werking getreden zijn vanaf 1 januari 2015 hebben geen effect op de presentatie, de financiële resultaten of de positie van bpost:

  • IAS 19 – Wijziging Personeelsbeloningen Toegezegde pensioenregelingen: werknemersbijdragen
  • Jaarlijkse verbeteringen aan IFRSs 2010-2012 Cyclus
  • Jaarlijkse verbeteringen aan IFRSs 2011-2013 Cyclus

Standaarden en Interpretaties nog niet toegepast door bpost

De volgende nieuwe IFRS-standaarden en IFRIC-interpretaties, die nog moeten verplicht worden, zijn door bpost nog niet toegepast bij het opstellen van de tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening

Effectief voor
de
rapportering
die begint op
Standaard or interpretatie of na
IFRS 9 – Financiële Instrumenten – (uitgegeven juli 2014)(*) 1 januari 2018
IFRS 14 – Gereglementeerde overlopende rekeningen (*) 1 januari 2016
IFRS 15 – Ontvangsten uit contracten met klanten (*) 1 januari 2018
IFRS 11 – Wijziging – Boekhoudkundige verwerking van de verwerving van belangen in
gemeenschappelijke regelingen (*)
1 januari 2016
IFRS 10 – IAS 28 Wijzigingen – Verkoop of overdracht van activa tussen een investeerder en
zijn geassocieerde deelneming of "joint venture" (*)
1 januari 2016
IFRS 10, IFRS 12 & IAS 28 – Wijzigingen - Investeringsmaatschappijen: Toepassen van
consolidatie uitzondering (uitgegeven in december 2014) (*)
1 januari 2016
IAS 27 – Wijzigingen - Vermogensmutatiemethode in enkelvoudige jaarrekeningen (*) 1 januari 2016
IAS 16 - IAS 38 – Wijzigingen – Verduidelijking van de aanvaarde methoden van
afschrijvingen en waardeverminderingen (*)
1 januari 2016
IAS 16 – IAS 41 – Wijzigingen - Landbouw: "Bearer plants" (*) 1 januari 2016
IAS 1 – Wijzigingen – Toelichtingen (uitgegeven in december 2014) (*) 1 januari 2016
Jaarlijkse Verbeteringen aan IFRSs 2012-2014 Cyclus (*) 1 januari 2016

(*) Nog niet bekrachtigd door de EU op de datum van dit rapport

bpost heeft geen enkele standaard, interpretatie of wijziging, die uitgegeven maar nog niet in voege was, voortijdig aangenomen.

3. Spreiding van de activiteiten over het jaar

Ingevolge het 5de Beheerscontract, is bpost de leverancier van bepaalde DAEB's. Deze diensten omvatten, onder andere, de werking van het retail netwerk, de distributie van kranten en tijdschriften, de verdeling van verkiezingsmateriaal, de aanvaarding van deposito's in contanten in de postkantoren en de levering aan huis van de staatspensioenen en sociale uitkeringen. bpost wordt gecompenseerd voor het verstrekken van deze diensten op basis van een Netto Vermeden Kost ("NAC", net avoided cost) methodologie.

De vergoeding met betrekking tot de DAEB wordt gelijk verdeeld over de vier kwartalen. Gedurende het jaar worden er berekeningen gemaakt op basis van de Netto Vermeden Kost methode om ervoor te zorgen dat de vergoeding in lijn is met de opgenomen bedragen. Deze methode bepaalt dat de vergoeding wordt gebaseerd op het verschil tussen de nettokosten van de aanbieder van de DAEB en de nettokosten van dezelfde aanbieder wanneer gewerkt wordt zonder DAEB. De vergoeding voor het verstrekken van de DAEB is onderhevig aan een cap die aangepast wordt aan de evolutie van de Belgische consumptieprijsindex indien deze in een bepaald jaar met meer dan 2,2% stijgt.

4. Bedrijfscombinaties

Bijkomende vergoeding Landmark

Tijdens het tweede kwartaal van 2015 betaalde bpost NV 7,6 miljoen USD (7,0 miljoen EUR) in uitvoering van de voorwaardelijke vergoedingsregeling en op basis van de prestaties van Landmark in 2014. De reële waarde van de voorwaardelijke vergoeding werd erkend als een financiële schuld. De betaling heeft geen impact op de oorspronkelijk berekende goodwill.

Bijkomende vergoeding Gout International BV en BEurope Consultancy BV

De aankoopovereenkomst tussen de aangekochte entiteiten en Landmark Global Inc., een dochterbedrijf dat voor 51% in handen is van bpost NV, bevatte een voorwaardelijke vergoedingsregeling en voorzag drie mogelijke bijkomende earn-outbetalingen, gebaseerd op de EBITDA die werd gerealiseerd in respectievelijk 2014, 2015 en 2016. Op basis van het ondernemingsplan van de twee aangekochte entiteiten werd de reële waarde van de voorwaardelijke vergoeding opgenomen als een financiële schuld ten belope van 2,1 miljoen EUR.

In mei 2015 kwamen alle partijen in een gewijzigde overeenkomst overeen dat de bijkomende voorwaardelijke vergoeding zou worden vervangen door één enkele forfaitaire earn-outbetaling van 4,0 miljoen euro. Overeenkomstig de boekhoudkundige principes en aangezien het bedrag van de voorwaardelijke vergoeding wijzigde als gevolg van een gebeurtenis na de aankoop, wordt de stijging van de reële waarde opgenomen als kost voor een bedrag van 2,0 miljoen EUR. De betaling heeft geen impact op de oorspronkelijk berekende goodwill.

Aankopen in de zes maanden die eindigden op 30 juni 2015

Op 8 mei 2015 kwamen bpost NV en CityDepot overeen om samen te werken om zodoende een leidende positie in te nemen op de distributiemarkt in steden en om hun dienstenaanbod naar andere delen van het land uit te breiden. Samen vormen ze een nieuwe entiteit: CityDepot NV. bpost verwierf 48% van de aandelen van het nieuwe bedrijf en zal zijn aandeel tijdens de komende jaren verhogen. De toewijzing van de aankoopprijs van de gedeeltelijke overname is nog niet definitief.

5. Bedrijfssegmenten

Ingevolge een correctie van de toewijzing van contante verkoop (zegels en frankeermachines) aan producten vanaf 1 januari 2015, worden bepaalde inkomsten van Domestic Parcels overgeheveld naar Transactional Mail. Teneinde deze wijzigingen weer te geven, werden de cijfers van 2014 vergelijkbaar gemaakt. De vergelijkbare cijfers zijn terug te vinden onder de notie "vergelijkbaar".

De hierna vermelde verschillen vergelijken de cijfers van 2015 met de vergelijkbare cijfers van 2014.

De tabel hieronder geeft informatie m.b.t. inkomsten over de bedrijfssegmenten van bpost:
Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014
Vergelijkbaar
2015 Evolutie % 2014
Vergelijkbaar
2015
MRS 997,1 956,8 -4,0% 496,4 473,3
P&I 225,0 239,1 6,3% 110,8 117,4
TOTAAL
BEDRIJFSOPBRENGSTEN
VAN DE SEGMENTEN
1.222,1 1.195,8 -2,1% 607,2 590,7
Corporate (aansluitpost) 18,1 18,3 1,5% 6,3 6,9
TOTAAL
BEDRIJFSOPBRENGSTEN
1.240,2 1.214,2 -2,1% 613,5 597,6

De inkomsten toe te schrijven aan het bedrijfssegment MRS daalden met 23,0 miljoen EUR tegenover het tweede kwartaal van 2014, tot 473,3 miljoen EUR, voornamelijk als gevolg van:

  • de onderliggende volumedaling met 6,1% bij Domestic Mail
  • de impact van de verkiezingen van vorig jaar (-4,6 miljoen EUR),
  • gedeeltelijk gecompenseerd door prijs- en mixverbetering bij Domestic Mail.

De groei van de inkomsten van P&I in het tweede kwartaal bedroeg 6,5 miljoen EUR. De daling in International Mail (6,3 miljoen EUR), hoofdzakelijk het gevolg van de inperking van International Mail activiteiten met een zeer lage marge teneinde de rendabiliteit te optimaliseren, is meer dan gecompenseerd door de stijging in de productportefeuille Parcels. Deze groeide met 12,4 miljoen EUR en werd gunstig beïnvloed door

  • de prestaties van International Parcels, als gevolg van de forse groei op de routes vanuit de VS en vanuit/naar China, ondersteund door een positieve wisselkoersimpact,
  • de volume groei bij Domestic Parcels, als gevolg van de evolutie in de e-commerce (12,6% voor het tweede kwartaal van 2015 tegenover 10,2% voor het eerste kwartaal 2015).

Intersegmentverkopen zijn immaterieel. Er zijn geen interne bedrijfsopbrengsten.

De ontvangen vergoeding om de diensten te verlenen beschreven in het Beheerscontract (zie toelichting 6) buiten beschouwing gelaten, overschreed geen enkele externe klant meer dan 10% van de bedrijfsopbrengsten van bpost.

De volgende tabel geeft de inkomsten weer van externe klanten verdeeld over België en alle andere landen in hun totaliteit, van waaruit bpost zijn inkomsten ontleent. De toewijzing van de inkomsten van externe klanten is gebaseerd op hun locatie.

Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2015 Evolutie % 2014 2015
België 1.086,1 1.051,2 -3,2% 537,3 518,8
Rest van de Wereld 154,1 163,0 5,8% 76,2 78,8
TOTAAL
BEDRIJFSOPBRENGSTEN
1.240,2 1.214,2 -2,1% 613,5 597,6

De onderstaande tabellen geeft de EBIT en EAT weer van de bedrijfssegmenten van bpost voor de periode eindigend op 30 juni 2015 en 2014:

Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014
Vergelijkbaar
2015 Evolutie % 2014
Vergelijkbaar
2015
MRS 282,7 267,1 -5,5% 139,8 126,7
P&I 20,6 30,2 46,9% 10,1 12,8
EBIT
SEGMENTEN
303,2 297,4 -1,9% 149,8 139,5
Corporate
(aansluitpost)
(8,9) (7,5) -14,9% (7,5) (1,3)
EBIT 294,4 289,8 -1,5% 142,3 138,3

In het tweede kwartaal van 2015 daalde de EBIT van het bedrijfssegment MRS met 13,1 miljoen EUR tot 126,7 miljoen EUR. De prijsverhogingen, productiviteitsverbeteringen en andere kostenverminderingen konden de volumedaling en projectgerelateerde kosten niet compenseren.

De EBIT toerekenbaar aan het bedrijfssegment P&I steeg met 2,7 miljoen EUR, van 10,1 miljoen EUR tot 12,8 miljoen EUR in het tweede kwartaal van 2015, voornamelijk ingevolge een verbeterde performantie in de productlijnen Domestic Parcels en International Parcels, samen met verbeterde prestaties van bepaalde dochterondernemingen van P&I en de kosten vorig jaar voor het opstarten van het project Shop and Deliver ("Combo"). Deze verbetering wordt gecompenseerd door de earnout van Gout (2,0 miljoen EUR) en de lagere bijdrage van de groothandelsactiviteiten aan de EBIT van het P&I segment.

Totaal van het jaar
In miljoen EUR 2014
Vergelijkbaar
2015 Evolutie % 2014
Vergelijkbaar
2015
MRS 282,7 267,1 -5,5% 139,8 126,7
P&I 20,6 30,2 46,9% 10,1 12,8
EAT
SEGMENTEN
303,2 297,4 -1,9% 149,8 139,5
Corporate
(aansluitpost)
(111,2) (109,6) -1,4% (56,6) (48,4)
EAT 192,1 187,7 -2,3% 93,2 91,2

Financiële opbrengsten, financiële kosten, aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen en belastingen zitten vervat in de aansluitpost "Corporate".

De volgende tabel bevat gedetailleerde informatie over de aansluitpost "Corporate":

Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014
Vergelijk
baar
2015 Evolutie
%
2014
Vergelijk
baar
2015
BEDRIJFSOPBRENGSTEN 18,1 18,3 1,5% 6,3 6,9
Centrale departmenten (Financiën,
Legal, Interne Audit, CEO, …)
(29,5) (31,7) 7,7% (15,0) (15,7)
Andere aansluitelementen 2,5 5,9 132,5% 1,2 7,5
BEDRIJFSKOSTEN (26,9) (25,9) -3,9% (13,8) (8,2)
EBIT CORPORATE (AANSLUITPOST) (8,9) (7,5) -14,9% (7,5) (1,3)
Aandeel in het resultaat van
geassocieerde deelnemingen
6,3 4,6 -27,5% 2,7 5,4
Financieel resultaat (11,6) (6,2) -46,7% (9,5) (4,4)
Belastingen (97,0) (100,5) 3,6% (42,3) (48,1)
EAT CORPORATE (AANSLUITPOST) (111,2) (109,6) -1,4% (56,6) (48,4)

Het bedrijfsresultaat (EBIT) toerekenbaar aan de aansluitpost "Corporate" steeg met 6,2 miljoen EUR tot 1,3 miljoen EUR negatief voor het tweede kwartaal van 2015 en van 7,5 miljoen EUR

negatief voor het tweede kwartaal van 2014. Deze verbetering is voornamelijk toe te schrijven aan een gunstige afrekening van sociale lasten (5,7 miljoen EUR) en een hogere erkenning van inkomsten (1,4 miljoen EUR), gedeeltelijk gecompenseerd door kostenstijgingen in de centrale departementen (0,8 miljoen EUR) ingevolge sommige projecten en lagere opbrengsten uit de verkoop van gebouwen in vergelijking met het tweede kwartaal van 2014.

Activa en passiva worden in het bedrijf niet gerapporteerd per segment.

6. Omzet

Totaal van het jaar
2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2015 2014 2015
Omzet exclusief de DAEB vergoeding 1.079,5 1.062,5 533,2 521,8
DAEB vergoeding 152,2 143,9 76,1 71,9
TOTAAL 1.231,7 1.206,3 609,2 593,7

7. Diensten en diverse goederen

Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2015 Evolutie
%
2014 2015 Evolutie
%
Huur en huurkosten 34,3 33,7 -1,9% 17,2 17,5 1,6%
Onderhoud en herstellingen 36,0 36,4 1,1% 17,9 18,4 2,8%
Levering van energie 19,2 18,5 -3,7% 9,0 9,0 -0,2%
Andere goederen 9,6 8,8 -8,8% 4,6 4,4 -4,3%
Post- en telecommunicatiekosten 2,7 2,9 8,7% 1,1 1,5 32,8%
Verzekeringskosten 6,4 5,7 -10,6% 3,0 3,3 8,4%
Transportkosten 99,0 103,0 4,0% 48,4 50,3 4,1%
Reclame- en advertentiekosten 6,4 5,9 -8,0% 3,1 3,5 10,3%
Consultancy 5,2 3,1 -41,3% 3,4 1,4 -58,8%
Uitzendarbeid 15,0 14,9 -0,9% 9,3 8,1 -12,9%
Beloningen aan derden, honoraria 49,3 52,2 5,8% 24,5 26,3 7,5%
Overige goederen en diensten 9,2 9,7 6,0% 4,9 5,1 5,4%
TOTAAL 292,4 294,8 0,8% 146,4 148,8 1,6%

8. Materiële vaste activa

In het eerste semester van 2015 daalden materiële vaste activa met 17,7 miljoen EUR, of 3,1 %, tot 547,9 miljoen EUR per 30 juni 2015. De daling was voornamelijk toe te schrijven aan afschrijvingen ten bedrage van 35,3 miljoen EUR gedeeltelijk gecompenseerd door kapitaalsuitgaven van 17,4 miljoen EUR.

9. Investeringen in geassocieerde deelnemingen

Investeringen in geassocieerde deelnemingen daalden met 33,9 miljoen EUR, hetzij 8,1% tot 382,6 miljoen EUR op 30 juni 2015. Deze daling is het gevolg van de afname van de niet-

gerealiseerde winsten op de obligatieportefeuille ten bedrage van 38,5 miljoen EUR, hetgeen een gemiddelde stijging van de onderliggende yieldcurve met 14 basis punten (bps) weerspiegelt, gedeeltelijk gecompenseerd door het aandeel van bpost in de winst van bpost bank voor de eerste zes maanden van 2015 ten bedrage van 4,6 miljoen EUR. Op 30 juni 2015 omvatten investeringen in geassocieerde deelnemingen netto niet-gerealiseerde winsten inzake de obligatieportefeuille ten bedrage van 187,1 miljoen EUR, hetgeen overeenkwam met 48,9% van de totale investeringen in geassocieerde deelnemingen. De niet-gerealiseerde winsten werden gegenereerd door het lagere niveau van de rentevoeten tegenover de rente bij de aankoop van de obligaties. Niet-gerealiseerde winsten worden niet opgenomen in de resultatenrekening, maar worden veeleer direct verwerkt in het eigen vermogen onder niet-gerealiseerde resultaten.

10. Kortlopende handelsvorderingen en overige vorderingen

De handelsvorderingen en overige vorderingen daalden met 74,3 miljoen EUR, hetzij 18,7%, tot 324,0 miljoen EUR per 30 juni 2015. De daling was voornamelijk toe te schrijven aan de gebruikelijke vereffening van de DAEB vordering voor het laatste kwartaal van 2014 en de inperking van de groothandelsactiviteiten met zeer lage marge in het VK en de VS.

11. Geldmiddelen en kasequivalenten

Geldmiddelen en kasequivalenten stegen met 233,6 miljoen EUR, of 41,5%, tot 795,9 miljoen EUR per 30 juni 2015. De stijging is voornamelijk het gevolg van de genormaliseerde vrije kasstroom (276,8 miljoen EUR) gedeeltelijk gecompenseerd door de betaling van het dividend ten bedrage van 44,0 miljoen EUR in het tweede kwartaal.

12. Personeelsbeloningen

Per 31 December Per 30 juni
In miljoen EUR 2014 2015
Beloningen-na-uitdiensttreding (85,4) (79,1)
Personeelsbeloningen op lange termijn (118,3) (118,6)
Ontslagvergoedingen (13,3) (10,9)
Andere beloningen op lange termijn (151,5) (145,0)
TOTAAL (368,6) (353,7)

De personeelsbeloningen daalden met 14,9 miljoen EUR, of 4,0%, tot 353,7 miljoen EUR per 30 juni 2015. De daling weerspiegelt voornamelijk:

  • De uitbetaling van voordelen voor een bedrag van 18,9 miljoen EUR, waaronder 3,4 miljoen EUR voor de betaling van voordelen inzake vervroegd pensioen en deeltijds werk.
  • Operationele actuariële winsten (7,0 miljoen EUR), voornamelijk gelinkt aan voordelen met betrekking tot werkongevallen en medische kosten.
  • Bijkomende pensioenkosten (12,0 miljoen EUR), pensioenkosten van verstreken diensttijd (1,1 miljoen EUR) en interestkosten (2,7 miljoen EUR).
  • Een actuariële winst van 4,8 miljoen EUR gerelateerd aan beloningen-na-uitdiensttreding, opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten.

13. Langlopende handels- en overige schulden

De langlopende handelsschulden en overige schulden daalden met 22,8 miljoen EUR tot 57,0 miljoen EUR per 30 juni 2015, voornamelijk ingevolge de overheveling van de aankoop van 24,5% van de aandelen van Landmark van lange termijn naar korte termijn, gedeeltelijk gecompenseerd door de verplichtingen gerelateerd aan de volledige overname van CityDepot.

14. Te betalen belastingen

Te betalen belastingen stegen met 48,6 miljoen EUR, tot 115,9 miljoen EUR per 30 juni 2015 en worden voornamelijk verklaard door de voorziening voor de te betalen belastingen, gedeeltelijk gecompenseerd door de belastingen gerelateerd aan de resultaten van 2013 die in het eerste kwartaal van 2015 werden betaald.

15. Kortlopende handelsschulden en overige schulden

De handels- en overige schulden daalden met 21,8 miljoen EUR, of 2,8%, tot 782,6 miljoen EUR per 30 juni 2015. Deze daling is toe te schrijven aan de afname van de handelsschulden en de sociale lasten met respectievelijk 52,9 en 59,6 miljoen EUR, gedeeltelijk gecompenseerd door de stijging van de overige schulden met 90,8 miljoen EUR. De daling van sociale lasten wordt voornamelijk veroorzaakt door een tijdelijk verschil, aangezien sociale voorzieningen voor het volledige jaar 2014 (vakantiegeld, bonussen..) werden betaald tijdens het eerste semester van 2015. De stijging van de overige schulden is voornamelijk het gevolg van de voorafbetaling ontvangen van de Belgische Staat met betrekking tot de vergoeding voor de DAEB (64,1 miljoen EUR), alsook van de overheveling van lange termijn naar korte termijn van de aankoop van 24,5% van de aandelen van Landmark, gedeeltelijk gecompenseerd door de betaling van de voorwaardelijke vergoeding voor de aankoop van Landmark.

16. Niet in de balans opgenomen verplichtingen en onvoorziene activa

Op 30 juni 2015 telde bpost 5.650 hulppostmannen. 53 hulppostmannen hebben een rechtsgeding aangespannen tegen bpost bij verschillende arbeidsrechtbanken; ze eisen een gelijk loon en gelijke voordelen als de baremiek contractuele of statutaire personeelsleden die hetzelfde werk doen. Alle eisen en aantijgingen worden door bpost betwist. Totnogtoe heeft geen enkele rechtbank de klachten gegrond verklaard. Verschillende rechtszaken zitten nog in de fase van het beroep.

Indien sommige rechtbanken, in het bijzonder op het niveau van het beroep, tot de conclusie zouden komen dat de hulppostmannen een gelijke behandeling kunnen eisen, dan zou bpost verplicht kunnen worden om het loon en de voordelen van de hulppostmannen te verhogen tot op het niveau van dat van de betreffende contractuele of statutaire personeelsleden, en er kan niet worden uitgesloten dat andere personeelsleden gelijkaardige vorderingen zouden indienen.

17. Belangrijke gebeurtenissen na balansdatum

Tijdens de vergadering van het Paritair Comité van 23 juli 2015 bereikten het management van bpost en de vertegenwoordigers van de werknemers een overeenkomst betreffende het sociaal plan voor het Alpha project in de ondersteunende diensten. De overeenkomst bevat de voorwaarden voor vervroegd pensioen en bepaalt de ontslagvoorwaarden, ingeval sommige werknemers niet worden geselecteerd voor een nieuwe job.

In dit stadium kan bpost geen betrouwbare raming maken van de totale kosten van dit sociaal plan, aangezien het niet zeker is hoeveel werknemers akkoord zullen gaan met een vervroegde pensionering of van hoeveel werknemers de tewerkstelling uiteindelijk zal worden beëindigd.

Daarom werd er geen voorziening opgenomen in de cijfers per eind juni.

Verklaring van beperkt nazicht

Verslag van het College van Commissarissen - Bedrijfsrevisoren aan de aandeelhouders van de vennootschap bpost NV van publiek recht over het beperkt nazicht van de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële staten voor de periode van zes maanden afgesloten per 30 juni 2015

Inleiding

Wij hebben de bijgevoegde tussentijdse verkorte financiële toestand van het geconsolideerd geheel ("de balans") van bpost NV van publiek recht (de "Vennootschap") en zijn dochterondernemingen (samen "de Groep") per 30 juni 2015 nagekeken, alsook de bijhorende tussentijdse verkorte geconsolideerde resultatenrekening, het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en nietgerealiseerde resultaten, het geconsolideerde mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht voor de periode van zes maanden afgesloten op deze datum, en de toelichtingen, gezamenlijk, de "Tussentijdse Verkorte Geconsolideerde Financiële Staten". Deze staten tonen een geconsolideerd balanstotaal van 2.218,3 miljoen EUR en een geconsolideerde winst voor de periode van zes maanden afgesloten op deze datum van 187,7 miljoen EUR. Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en het voorstellen van deze Tussentijdse Verkorte Geconsolideerde Financiële Staten in overeenstemming met de International Financial Reporting Standard IAS 34 Tussentijdse Financiële Verslaggeving ("IAS 34") zoals goedgekeurd voor toepassing in de Europese Unie. Onze verantwoordelijkheid bestaat erin een conclusie te formuleren over deze Tussentijdse Verkorte Geconsolideerde Financiële Staten op basis van ons beperkt nazicht.

Draagwijdte van ons nazicht

Wij hebben ons beperkt nazicht uitgevoerd in overeenstemming met de Internationale Standaard voor Beoordelingsopdrachten 2410 "Beoordeling van tussentijdse financiële informatie uitgevoerd door de onafhankelijke auditor van de entiteit". Een beperkt nazicht van tussentijdse financiële informatie bestaat uit het bekomen van informatie, hoofdzakelijk van personen verantwoordelijk voor financiële en boekhoudkundige aangelegenheden, en uit het toepassen van analytische en andere werkzaamheden. Een beperkt nazicht is aanzienlijk minder uitgebreid dan een audit uitgevoerd in overeenstemming met de Internationale Controlestandaarden (ISA's). Bijgevolg waarborgt een beperkt nazicht niet dat wij kennis zouden krijgen van alle belangrijke elementen die bij een volledige controle aan het licht zouden komen. Daarom onthouden wij ons van een auditopinie.

Conclusie

Op basis van ons beperkt nazicht wijst niets erop dat de bijgevoegde Tussentijdse Verkorte Geconsolideerde Financiële Staten geen getrouw beeld geven van de financiële toestand van de Groep per 30 juni 2015, en van haar resultaat en kasstromen voor de periode van zes maanden afgesloten op die datum, in overeenstemming met IAS 34.

Diegem, 6 augustus 2015

Het College van Commissarissen – Bedrijfsrevisoren

Ernst & Young Bedrijfsrevisoren BCVBA PVMD Bedrijfsrevisoren BCVBA Vertegenwoordigd door Vertegenwoordigd door

Eric Golenvaux Caroline Baert Vennoot Vennoot

Overige financiële informatie (niet geauditeerd)

Reconciliatie van gerapporteerde naar genormaliseerde financiële cijfers

bpost analyseert ook de resultaten van zijn activiteiten op een genormaliseerde basis of voor eenmalige elementen. Eenmalige elementen vertegenwoordigen belangrijke elementen binnen de opbrengsten of kosten die ten gevolge van hun uitzonderlijk karakter niet zijn opgenomen in de interne rapportering en de resultaatsanalyses. bpost streeft naar een consistente benadering bij de bepaling of een opbrengst of kostelement eenmalig is en of het voldoende significant is om uit de gerapporteerde cijfers te worden uitgesloten ten einde genormaliseerde cijfers te bekomen.

Een eenmalig element is verondersteld significant te zijn als het 20 miljoen EUR of meer bedraagt. Alle winsten en verliezen ten gevolge van de buitengebruikstelling van activiteiten worden genormaliseerd ongeacht het bedrag zij vertegenwoordigen. Terugnames van provisies waarvan de aanlegging eerder werd genormaliseerd, worden ook genormaliseerd ongeacht hun bedrag.

De presentatie van genormaliseerde resultaten is niet in overeenstemming met IFRS en is niet geauditeerd. De genormaliseerde resultaten zijn mogelijk niet vergelijkbaar met de genormaliseerde cijfers gerapporteerd door andere vennootschappen omdat deze vennootschappen hun genormaliseerde cijfers anders kunnen berekenen dan bpost. Genormaliseerde financiële cijfers worden hieronder voorgesteld.

Gerelateerd aan de resultatenrekening

In het eerste en tweede kwartaal van 2015 en 2014 werden geen eenmalige elementen geïdentificeerd.

Gerelateerd aan het kasstroomoverzicht

Totaal van het jaar 2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2015 Evolutie
%
2014 2015 Evolutie
%
Netto kasstroom uit bedrijfsactiviteiten 396,4 303,2 -23,5% 11,8 (3,3) -128,3%
Netto kasstroom uit investeringsactiviteiten (33,1) (26,4) 20,2% (15,8) (17,9) -13,4%
OPERATIONELE VRIJE KASSTROOM 363,4 276,8 -23,8% (4,0) (21,3) -433,9%
Ontvangen deposito's van derden 0,2 0,0 -100,0% 0,0 0,0 -100,0%
GENORMALISEERDE OPERATIONELE
VRIJE KASSTROOM
363,6 276,8 -23,9% (4,0) (21,3) -433,9%

Van IFRS geconsolideerde nettowinst naar niet-geconsolideerde BGAAP nettowinst

Totaal van het jaar 2de kwartaal
In million EUR 2014 2015 Evolutie
%
2014 2015 Evolutie
%
IFRS geconsolideerde nettowinst 192,1 187,7 -2,3% 93,2 91,2 -2,1%
Resultaten van de dochterondernemingen en
deconsolidatie impacten
(15,2) (13,6) -10,4% (8,9) (4,9) -45,0%
Verschillen in afschrijvingen en
waardeverminderingen
(4,4) (4,0) -9,7% (2,2) (1,3) -40,2%
Verschillen in opname van voorzieningen (5,3) (0,9) -83,8% (2,1) (0,2) -91,7%
Effecten van IAS 19 0,7 (10,5) 2,5 (5,3)
Uitgestelde belastingen 4,3 6,6 53,4% 1,3 3,0 133,0%
Overige (0,8) 5,7 0,5 1,3 188,8%
BGAAP niet-geconsolideerde nettowinst 171,5 171,1 -0,2% 84,2 83,8 -0,4%

De niet-geconsolideerde winst na belastingen van bpost, opgemaakt in overeenstemming met de Belgische boekhoudregels (BGAAP), kan in twee stappen worden afgeleid uit de geconsolideerde IFRS winst na belastingen.

In een eerste stap wordt de niet-geconsolideerde winst na belastingen volgens IFRS afgeleid, nl. door:

  • De resultaten van de dochterondernemingen in mindering te brengen, d.w.z. de winst na belastingen van de dochterondernemingen worden verwijderd, en
  • Elke andere impact die de dochterondernemingen hadden op de resultatenrekening van bpost wordt geëlimineerd (zoals waardeverminderingen) en de van deze dochterondernemingen ontvangen dividenden worden toegevoegd. In het tweede kwartaal van 2015 betaalde Alteris een dividend van 4,0 miljoen EUR aan bpost.

De tabel hieronder toont een opsplitsing van hetgeen hierboven vermeld wordt:

Totaal van het
jaar
2de kwartaal
In miljoen EUR 2014 2015 2014 2015
Winst van de Belgische volledig geconsolideerde dochterondernemingen
(GAAP lokaal)
(4,6) (4,9) (2,8) (2,3)
Winst van de internationale dochterondernemingen (GAAP lokaal) (3,9) (4,8) (2,6) (2,7)
Aandeel in de winst van bpost bank (GAAP lokaal) (5,9) (7,2) (2,6) (3,6)
Overige deconsolidatie impacten (0,7) 3,4 (1,0) 3,7
TOTAAL (15,2) (13,6) (8,9) (4,9)

Bij de tweede stap wordt het BGAAP resultaat afgeleid van het IFRS resultaat, dit wordt bekomen door alle IFRS-aanpassingen die aan lokale GAAP-cijfers werden gedaan terug te draaien. Deze aanpassingen omvatten, maar zijn niet beperkt tot, het volgende:

  • Verschillen in de verwerking van afschrijvingen en waardeverminderingen: BGAAP laat andere nuttige levensduurte (en dus afschrijvingspercentages) toe voor vaste activa dan IFRS. Goodwill wordt afgeschreven onder BGAAP, terwijl IFRS voor goodwill een waardeverminderingstest vereist. IFRS staat ook toe dat immateriële vaste activa op de balans mogen worden geboekt onder andere voorwaarden dan die van BGAAP;
  • BGAAP en IFRS hanteren verschillende criteria voor het boeken van voorzieningen;
  • IFRS vereist dat alle toekomstige personeelsverplichtingen worden geboekt als een verplichting krachtens IAS 19, terwijl BGAAP een dergelijke verplichting niet oplegt. De beweging van de IFRS verplichting wordt weergegeven in de resultatenrekening van bpost onder personeelskosten of in provisies, met uitzondering van de impact van de wijzigingen in

discontovoeten voor toekomstige verplichtingen dewelke opgenomen worden als financieel resultaat;

  • Uitgestelde belastingen worden niet geboekt in BGAAP maar wel in IFRS.
  • De jaar-over-jaar evolutie in het tweede kwartaal is voornamelijk het gevolg van de stijging vorig jaar in financiële kosten gerelateerd aan personeelsbeloningen. Dit was het gevolg van een daling in de discontovoeten.

Verklaring van de wettelijke vertegenwoordigers

Het Directiecomité van bpost verklaart dat volgens hun kennis de verkorte geconsolideerde rapportering die opgesteld is in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards ("IFRS"), een getrouw en eerlijk beeld geeft van de activa, de financiële toestand en de resultaten van bpost en van de entiteiten die in de consolidatie zijn opgenomen.

Het financieel verslag geeft een duidelijk beeld van de informatie dat moet vermeld worden ingevolge artikel 13 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007.

Het Directiecomité van bpost wordt vertegenwoordigd door Koen Van Gerven, gedelegeerd bestuurder.

Toekomstgerichte verklaringen

De informatie in dit document kan op de toekomst gerichte verklaringen bevatten2 , die gebaseerd zijn op de huidige toekomstverwachtingen van het management over toekomstige gebeurtenissen. Door de aard ervan houden op de toekomst gerichte verklaringen geen garanties in m.b.t. toekomstige prestaties en houden ze gekende en ongekende risico's, onzekerheden, veronderstellingen en andere factoren in omdat ze betrekking hebben op gebeurtenissen of afhangen van omstandigheden die zullen plaatsvinden in de toekomst en die al dan niet onder de controle van de onderneming vallen. Dergelijke factoren kunnen aanleiding geven tot resultaten, prestaties of ontwikkelingen die aanzienlijk verschillen van deze die door dergelijke op de toekomst gerichte verklaringen worden uitgedrukt of geïmpliceerd. Dientengevolge wordt niet gewaarborgd dat dergelijke op de toekomst gerichte verklaringen correct zullen blijken te zijn. Ze worden pas relevant op de datum van de presentatie en de onderneming legt zich geen verplichting op om de in dit verslag opgenomen op de toekomst gerichte verklaringen bij te werken zodat ze de werkelijke resultaten, veranderingen in aannames of veranderingen in factoren die betrekking hebben op deze verklaringen, zouden weerspiegelen.

2 zoals onder meer bepaald krachtens de "U.S. Private Securities Litigation Reform Act" van 1995

Woordenlijst

  • Operationele vrije kasstroom: kasstroom van operationele activiteiten + kasstroom van investeringsactiviteiten
  • Nettoschuld/(netto geldmiddelen) bestaat uit rentedragende en niet-rentedragende leningen verminderd met geldmiddelen en kasequivalenten

Talk to a Data Expert

Have a question? We'll get back to you promptly.