Quarterly Report • Aug 8, 2016
Quarterly Report
Open in ViewerOpens in native device viewer
Koen Van Gerven, CEO, verklaarde: "Ook dit kwartaal toont aan dat we op koers blijven voor 2016. Dankzij een aanzienlijke groei van de pakjes en een veerkrachtige Domestic Mail, slaagden we erin om de impact van de vermindering van de vergoeding voor de DAEB op onze rendabiliteit volledig te compenseren en maakten we onze beloftes waar. Ik ben ook heel blij te mogen vaststellen dat deze resultaten worden ondersteund door de positieve bijdrage van de overnamestrategie bij International Parcels. We zitten op schema om onze vooruitzichten voor dit jaar te realiseren en we verwachten dat we minstens hetzelfde resultaat kunnen behalen en hetzelfde dividend kunnen uitkeren als vorig jaar. Ik zou onze klanten willen bedanken voor het vertrouwen dat ze in bpost stellen en onze medewerkers voor hun inspanningen"
In de vooruitzichten voor 2016 werd de impact van de overname van de Belgische activiteiten van Lagardère Travel Retail buiten beschouwing gelaten.
Aan de inkomstenzijde:
Aan de kostenzijde:
We verwachten productiviteitsverbeteringen onderaan het gemiddeld jaarbereik van 800 tot 1200 VTE, exclusief de impact van de integratie van Deltamedia.
We zullen sterk de nadruk leggen op alle kostenelementen en de factor kost zal baat hebben bij hefbomen zoals de afschaffing van de vergoeding voor zaterdagwerk en de taxshift.
Dat zal tot gevolg hebben dat de EBITDA en het dividend voor 2016 minstens op hetzelfde hoge niveau zal blijven als in 2015.
Gegenereerde kasstromen uit bedrijfsactiviteiten zullen negatief beïnvloed worden door de lagere vergoeding en de gewijzigde betalingstermijnen voor de DAEB (-36,8 miljoen EUR), de uitbetalingen met betrekking tot Alpha en een afrekening van eindrechten met een andere postale operator. De bruto kapitaalsuitgaven zullen naar verwachting 80,0 miljoen EUR bedragen.
| 2de kwartaal (in miljoen EUR) | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Gerapporteerd | ||||||
| 2015 | 2016 | % Δ | ||||
| Totaal bedrijfsopbrengsten (inkomsten) | 597,6 | 591,9 | -1,0% | |||
| Bedrijfskosten | 437,9 | 432,5 | -1,2% | |||
| EBITDA | 159,8 | 159,4 | -0,2% | |||
| Marge (%) | 26,7% | 26,9% | ||||
| EBIT | 138,3 | 136,8 | -1,1% | |||
| Marge (%) | 23,1% | 23,1% | ||||
| Winst voor belastingen | 139,2 | 130,2 | -6,5% | |||
| Belastingen | 48,1 | 42,3 | ||||
| Nettowinst | 91,2 | 87,9 | -3,6% | |||
| Vrije kasstroom | (21,3) | (14,6) | - | |||
| bpost N.V. nettowinst (BGAAP) | 83,8 | 81,4 | -2,9% | |||
| Nettoschuld/(Netto geldmiddelen) per 30 juni |
(720,3) | (729,9) | 1,3% |
| Gerapporteerd | |||
|---|---|---|---|
| 2015 | 2016 | % Δ | |
| Totaal bedrijfsopbrengsten (inkomsten) | 1.214,2 | 1.196,5 | -1,5% |
| Bedrijfskosten | 881,7 | 861,2 | -2,3% |
| EBITDA | 332,5 | 335,3 | 0,8% |
| Marge (%) | 27,4% | 28,0% | |
| EBIT | 289,8 | 290,7 | 0,3% |
| Marge (%) | 23,9% | 24,3% | |
| Winst voor belastingen | 288,2 | 279,5 | -3,0% |
| Belastingen | 100,5 | 95,7 | |
| Nettowinst | 187,7 | 183,7 | -2,1% |
| Vrije kasstroom | 276,8 | 231,3 | -16,4% |
| bpost N.V. nettowinst (BGAAP) | 171,1 | 171,4 | 0,1% |
| Nettoschuld/(Netto geldmiddelen) per 30 juni |
(720,3) | (729,9) | 1,3% |
Baudouin de Hepcée T. +32 2 276 2228 (media en IR) Ucorporate.bpost.be/investors Saskia Dheedene T. +32 2 276 7643 (uitsluitend IR) U[email protected]U
De totale bedrijfsopbrengsten daalden met 5,7 miljoen EUR (-1,0 %) tot 591,9 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de lagere vergoeding voor de DAEB (-8,1 miljoen EUR), in lijn met de voorwaarden die sinds 1 januari 2016 van toepassing zijn voor het 6de beheerscontract en de persconcessies. De stijging bij Parcels (+7,2 miljoen EUR), de prijsverhogingen bij Domestic Mail (+4,5 miljoen EUR), de impact van twee extra werkdagen (+2,9 miljoen EUR) en de stijging bij Corporate (+0,7 miljoen EUR) konden de volumedaling bij Domestic Mail (-12,4 miljoen EUR) en de lagere inkomsten met betrekking tot Additional Sources of Revenue (-0,5 miljoen EUR) compenseren.
Ondanks de lagere vergoeding voor de DAEB, daalden de EBITDA en de EBIT respectievelijk slechts met 0,3 miljoen EUR en met 1,5 miljoen EUR.
Het financiële nettoresultaat daalde met 7,3 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de stijging van non-cash financiële kosten met betrekking tot personeelsbeloningen IAS 19 als gevolg van de daling van de discontovoeten.
De belastinguitgaven daalden in vergelijking met vorig jaar, waarbij de werkelijke belastingvoet 32,5 % bedroeg.
De IFRS nettowinst van de groep bedroeg 87,9 miljoen EUR. De BGAAP nettowinst van het moederbedrijf bedroeg 81,4 miljoen EUR.
De totale bedrijfsopbrengsten daalden met 17,7 miljoen EUR (-1,5 %) naar 1.196,5 miljoen EUR. Als de lagere vergoeding voor de DAEB (-15,2 miljoen EUR) niet in aanmerking wordt genomen, dan daalden de bedrijfsopbrengsten met 2,5 miljoen EUR. De stijging bij Parcels (+10,8 miljoen EUR), de prijsverhogingen bij Domestic Mail (+10,2 miljoen EUR) en de impact van extra werkdagen (+2,3 miljoen EUR) konden de volumedaling bij Domestic Mail (-25,6 miljoen EUR) en de lagere inkomsten met betrekking tot Additional Sources of Revenue (-6,8 miljoen EUR) niet compenseren. De totale bedrijfsopbrengsten toerekenbaar aan Corporate stegen met 6,6 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge hogere opbrengsten uit de verkoop van gebouwen.
De kosten daalden met 20,6 miljoen EUR of 2,3 %, voornamelijk ingevolge de daling van de personeelskosten en kosten voor uitzendarbeid, de transportkosten en overige kosten, wat het totale verlies aan bedrijfsopbrengsten compenseerde en leidde tot een stijging van de EBITDA en de EBIT met respectievelijk 0,8 % en 0,3 %.
Het financiële nettoresultaat daalde met 7,3 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de stijging van non-cash financiële kosten met betrekking tot personeelsbeloningen IAS 19 als gevolg van de daling van de discontovoeten.
De belastinguitgaven daalden in vergelijking met vorig jaar, waarbij de werkelijke belastingvoet 34,3 % bedroeg.
De IFRS nettowinst van de groep bedroeg 183,7 miljoen EUR. De BGAAP nettowinst van het moederbedrijf bedroeg 171,4 miljoen EUR, in lijn met vorig jaar.
| In miljoen EUR | 2Q15 | DAEB | Δ | 2Q16 | % Δ | Onderliggend vol. % ∆ |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Domestic Mail | 364,0 | (2,8) | (5,0) | 356,3 | -1,4% | -3,8% |
| Transactional Mail | 228,8 | (4,9) | 223,9 | -2,2% | -4,8% | |
| Advertising Mail | 61,4 | (0,6) | 60,8 | -1,0% | -2,2% | |
| Press | 73,8 | (2,8) | 0,6 | 71,6 | 0,8% | -0,3% |
| Parcels | 81,2 | 0,0 | 7,2 | 88,4 | 8,9% | |
| Domestic Parcels | 39,4 | 5,8 | 45,2 | 14,7% | +18,3% | |
| International Parcels | 39,4 | 1,8 | 41,2 | 4,5% | ||
| Special Logistics | 2,5 | (0,4) | 2,1 | -15,0% | ||
| Additional Sources of Revenues |
145,4 | (5,3) | (0,5) | 139,6 | -0,4% | |
| International Mail | 42,1 | (2,1) | 40,0 | -4,9% | ||
| Value Added Services | 23,4 | 4,0 | 27,4 | 17,1% | ||
| Banking and Financial Products | 51,7 | (2,9) | (1,1) | 47,8 | -2,0% | |
| Overige | 28,2 | (2,4) | (1,4) | 24,4 | -5,0% | |
| Corporate | 6,9 | 0,7 | 7,6 | 9,9% | ||
| TOTAAL | 597,6 | (8,1) | 2,4 | 591,9 | 0,4% |
Als de lagere vergoeding voor de DAEB en voor de persconcessies niet in aanmerking wordt genomen, dan stegen de totale bedrijfsopbrengsten met 2,4 miljoen EUR of 0,4 %.
De inkomsten uit Domestic Mail daalden met -5.0 miljoen EUR tot 356,3 miljoen EUR. In lijn met vorig kwartaal waren de onderliggende (gecorrigeerd voor 2 extra werkdagen) en de gerapporteerde volumedaling, respectievelijk -3,8 % en -3,0 %, wat significant beter is dan de onderliggende volumedaling van -5,0 % voor volledig jaar 2015. Transactional Mail, met een gerapporteerde en onderliggende volumedaling van respectievelijk -3,5 % en -4,8 % (vs. onderliggende volumedaling van -5,3 % voor volledig jaar 2015), bleef de nadelige gevolgen ondervinden van e-substitutie zonder een merkbare versnelling. Advertising Mail liet een onderliggende volumedaling optekenen van -2,2 %, tegenover +0,1 % in het eerste kwartaal, wat nog altijd significant beter is dan de onderliggende volumedaling van -4,9 % voor volledig jaar 2015. Dat was voornamelijk toe te schrijven aan de betere prestaties in belangrijke sectoren van de geadresseerde direct mail dankzij de nieuwe verkoopaanpak, naast opnieuw een sterk kwartaal voor ongeadresseerde post. Daarenboven stegen de inkomsten bij Press met 0,6 miljoen EUR ondanks de lichte volumedaling (gerapporteerde en onderliggende volumedaling van -0,3 %, tegenover -2,8 % voor volledig jaar 2015), op zijn beurt voornamelijk toe te schrijven aan tijdschriften. De totale daling van de postvolumes beïnvloedde de inkomsten met -12,4 miljoen EUR, gedeeltelijk gecompenseerd door 2 extra werkdagen (+2,9 miljoen EUR) en de nettoverbetering van prijs en mix, voor een bedrag van 4,5 miljoen EUR.
Parcels steeg met 7,2 miljoen EUR. De uitstekende prestaties van Domestic Parcels (+5,8 miljoen EUR) en de positieve bijdrage van de overnamestrategie bij International Parcels (+6,2 miljoen EUR) werden deels tenietgedaan door de lagere inkomsten bij Special Logistics (-0,4 miljoen EUR) en International Parcels (-4,4 miljoen EUR). De volumegroei bij Domestic Parcels (+18,3 %) was de sterkste volumestijging ooit in een kwartaal, tegenover het reeds hoge percentage van 14,6 % in het eerste kwartaal van 2016 en +12,6 % voor volledig jaar 2015. Die stijging was toe te schrijven aan e-commerce en de aanhoudende groei van C2C-pakjes (onlineaanbod). De evolutie van de inkomsten bleef beïnvloed door een negatief prijs/mixeffect van -3,0 %, dit wordt verklaard door de evolutie van de klanten- en productmix. International Parcels werd voornamelijk beïnvloed door de positieve bijdrage van de overnamestrategie (+6,2 miljoen EUR) die gedeeltelijk teniet gedaan werd door lagere volumes vanuit en naar China (-3,9 miljoen EUR) en vanuit de VS (-0,4 miljoen EUR).
Deze laatste ondervinden nog steeds de gevolgen van de sterke dollar waardoor het concurrentievermogen qua prijzen vermindert en de producten uit de VS minder aantrekkelijk worden.
De totale bedrijfsopbrengsten uit Additional Sources of Revenues daalden met 0,5 miljoen EUR, om zo 139,6 miljoen EUR te bereiken. Deze daling was voornamelijk toe te schrijven aan de daling van International Mail (-2,1 miljoen EUR), voornamelijk omwille van het verlies van sommige klanten als gevolg van de door bpost consequent uitgevoerde prijsstrategie om geen prijskortingen toe te staan om zo redelijke winstmarges te vrijwaren. Value Added Services bleef een sterke groei noteren, voornamelijk dankzij de ontwikkeling van oplossingen op maat en diensten gerelateerd aan de Europese nummerplaten, het leveringsproces voor nieuwe decoders en modems voor de klanten van een telecomoperator en andere meerwaardediensten.
De inkomsten uit Corporate stegen met 0,7 miljoen EUR.
| In miljoen EUR | YTD15 | DAEB | Δ | YTD16 | % Δ | Onderliggend vol. % ∆ |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Domestic Mail | 735,3 | (4,2) | (13,1) | 718,0 | -1,8% | -3,9% |
| Transactional Mail | 461,4 | (13,8) | 447,7 | -3,0% | -5,1% | |
| Advertising Mail | 126,1 | (0,2) | 125,9 | -0,2% | -1,0% | |
| Press | 147,7 | (4,2) | 0,9 | 144,4 | 0,6% | -1,2% |
| Parcels | 164,5 | 0,0 | 10,8 | 175,3 | 6,6% | |
| Domestic Parcels | 78,9 | 9,4 | 88,3 | 11,9% | + 16,4% | |
| International Parcels | 80,6 | 2,3 | 82,9 | 2,8% | ||
| Special Logistics | 5,0 | (0,9) | 4,2 | -17,1% | ||
| Additional Sources of Revenues |
296,1 | (11,1) | (6,8) | 278,2 | -2,3% | |
| International Mail | 87,3 | (8,0) | 79,3 | -9,2% | ||
| Value Added Services | 47,7 | 5,5 | 53,3 | 11,6% | ||
| Banking and Financial | 103,4 | (5,8) | (1,3) | 96,3 | -1,2% | |
| Overige | 57,6 | (5,2) | (3,1) | 49,3 | -5,3% | |
| Corporate | 18,3 | 6,6 | 25,0 | 36,1% | ||
| TOTAAL | 1.214,2 | (15,2) | (2,5) | 1.196,5 | -0,2% |
Als de lagere vergoeding voor de DAEB en voor de persconcessies niet in aanmerking worden genomen, dan daalden de totale bedrijfsopbrengsten met 2,5 miljoen EUR of -0,2 %.
De inkomsten uit Domestic Mail bedroegen 718,0 miljoen EUR in het eerste semester van 2016, d.i. een organische daling met 13,1 miljoen EUR tegenover vorig jaar, ingevolge een gerapporteerde volume-evolutie van -3,6 % en een onderliggende volume-evolutie van -3,9 %, gedeeltelijk gecompenseerd door een prijs/mixverbetering.
De inkomsten uit Parcels stegen met 10,8 miljoen EUR en bedroegen 175,3 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de volumestijging van 16,4 % bij Domestic Parcels en de positieve bijdrage van de overnamestrategie.
Additional Sources of Revenues bedroegen 278,2 miljoen EUR, d.i. een daling met 6,8 miljoen EUR, voornamelijk als gevolg van de door bpost consequent uitgevoerde prijsstrategie om geen prijskortingen toe te staan die de portfolio International Mail beïnvloeden (-8,0 miljoen EUR). De daling van die laatste werd gedeeltelijk gecompenseerd door de goede prestaties van Value Added Services (+5,5 miljoen EUR).
De inkomsten uit Corporate stegen met 6,6 miljoen EUR tot 25,0 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de hogere opbrengsten uit de verkoop van gebouwen.
| In miljoen EUR | 2Q15 | 2Q16 | % Δ |
|---|---|---|---|
| Personeelskosten en kosten voor uitzendarbeid | 282,8 | 280,7 | -0,8% |
| VTE | 24.430 | 24.353 | -77 |
| Diensten en diverse goederen (excl. uitzendarbeid- en transportkosten) | 90,3 | 96,5 | 6,9% |
| Transportkosten | 50,3 | 48,2 | -4,3% |
| Overige kosten | 14,4 | 7,1 | -50,7% |
| TOTAAL BEDRIJFSKOSTEN | 437,9 | 432,5 | -1,2% |
De totale bedrijfskosten bereikten 432,5 miljoen EUR en daalden met 5,3 miljoen EUR of 1,2 %. Alle kosten daalden, behalve diensten en diverse goederen (SG&A), excl. kosten voor uitzendarbeid en transportkosten. Uitzonderlijke kosten1 buiten beschouwing gelaten, daalden de totale bedrijfskosten met 6,6 miljoen EUR op onderliggende basis.
De personeelskosten en kosten voor uitzendarbeid bedroegen 280,7 miljoen EUR en vertoonden een daling van 2,1 miljoen EUR in vergelijking met dezelfde periode in 2015. In het tweede kwartaal van 2015 werden de personeelskosten positief beïnvloed door een eenmalige afrekening van sociale lasten (netto negatieve impact van 4,3 miljoen EUR in 2016). Als we dit element buiten beschouwing laten, dan daalden de personeelskosten en kosten voor uitzendarbeid met 6,4 miljoen EUR.
De daling van de personeelskosten en kosten voor uitzendarbeid was voornamelijk toe te schrijven aan productiviteitsverbeteringen in ons netwerk en de bijdrage van Alpha, die samen leidden tot een gerapporteerde gemiddelde vermindering van 77 VTE's en uitzendkrachten in het kwartaal, waardoor er 1,5 miljoen EUR werd bespaard. Deze daling lag aan de lagere kant in vergelijking met het verleden, aangezien dit cijfer de VTE's en uitzendkrachten bevat van de nieuwe dochterondernemingen, de internalisering van de krantenuitreiking (= Deltamedia) en extra werknemers om de groei van de pakjes en oplossingen op te vangen. De totale impact van de hierboven vermelde elementen bedroeg 630 VTE's en uitzendkrachten. Bijgevolg bedraagt de onderliggende gemiddelde vermindering van VTE's en uitzendkrachten voor het kwartaal 707.
De aanwerving van hulppostmannen creëerde een positief mixeffect van 1,5 miljoen EUR. Daarnaast resulteerde een lager aantal managementfuncties als gevolg van een aanwervingsstop en een reorganisatie in een positief mixeffect van 3,3 miljoen EUR.
Een positief prijseffect deed de kosten dalen met 5,0 miljoen EUR, als gevolg van de impact van de taxshift en lagere ontslagkosten.
Deze positieve effecten werden gedeeltelijk gecompenseerd door een ongunstige evolutie van de verloftegoeden (2,3 miljoen EUR) en door een stijging van de kosten van de personeelsbeloningen (1,6 miljoen EUR).
De diensten en diverse goederen (SG&A), excl. kosten voor uitzendarbeid en transportkosten, stegen met 6,2 miljoen EUR (6,9 %), of met 2,6 miljoen EUR wanneer de uitzonderlijke kosten gerelateerd aan strategische bedrijfsprojecten (3,6 miljoen EUR) buiten
1 Als uitzonderlijk wordt beschouwd:
- De positieve impact van de eenmalige afrekening van sociale lasten in het tweede kwartaal van 2015 (netto negatieve impact van 4,3 miljoen EUR in 2016).
- Impact van kosten gerelateerd aan strategische bedrijfsprojecten (3,6 miljoen EUR) in diensten en diverse goederen (SG&A) excl. uitzendarbeid- en transportkosten.
- Gunstige evolutie van voorzieningen (4,6 miljoen EUR) en afwezigheid van de earn-out voor Gout van vorig jaar (2,0 miljoen EUR) in de overige kosten.
beschouwing worden gelaten. Reclame- en advertentiekosten en onderhouds- en herstellingskosten stegen beide met 1,1 miljoen EUR.
De transportkosten bedroegen 48,2 miljoen EUR, d.i. 2,2 miljoen EUR minder dan het vorige jaar (hetzij -4,3 %), in lijn met de evolutie van de internationale activiteiten, gedeeltelijk tenietgedaan door lagere gunstige afrekeningen van de eindrechten van de vorige jaren (0,5 miljoen EUR).
Overige kosten daalden met 7,3 miljoen EUR. Wanneer twee eenmalige elementen niet in aanmerking genomen worden, nl. de gunstige evolutie van voorzieningen (4,6 miljoen EUR) en de afwezigheid van de earn-out voor Gout van vorig jaar (2,0 miljoen EUR), dan daalden de overige kosten met 0,7 miljoen EUR.
| In miljoen EUR | Totaal van het jaar | |||
|---|---|---|---|---|
| 2015 | 2016 | % Δ | ||
| Personeelskosten en kosten voor uitzendarbeid | 577,3 | 568,5 | -1,5% | |
| VTE | 24.446 | 24.230 | -216 | |
| Diensten en diverse goederen (excl. uitzendarbeid- en transportkosten) | 176,9 | 180,0 | 1,8% | |
| Transportkosten | 103,0 | 98,6 | -4,3% | |
| Overige kosten | 24,6 | 14,1 | -42,7% | |
| TOTAAL BEDRIJFSKOSTEN | 881,7 | 861,2 | -2,3% |
In het eerste semester van 2016 daalden de totale bedrijfskosten met 20,6 miljoen EUR, d.i. met 2,3 %. Deze daling was voornamelijk het gevolg van een daling in overige kosten (-10,5 miljoen EUR), in de personeelskosten en kosten voor uitzendarbeid (-8,8 miljoen EUR) en in transportkosten (-4,4 miljoen EUR), gedeeltelijk tenietgedaan door een stijging in diensten en diverse goederen (SG&A), excl. kosten voor uitzendarbeid en transportkosten (+3,1 miljoen EUR).
In het eerste semester van 2016 daalden de personeelskosten en kosten voor uitzendarbeid met 8,8 miljoen EUR, voornamelijk als gevolg van de vermindering van het gemiddelde personeelsbestand met 216 VTE's (onderliggende daling van 721 VTE) en een positief mixeffect dat voortvloeit uit de aanwerving van hulppostmannen en een aanwervingsstop voor managers gerelateerd aan Alpha. Dit werd deels tenietgedaan door een eenmalige positieve afrekening van sociale lasten in 2015 en door een stijging van de kosten voor personeelsbeloningen.
De diensten en diverse goederen (SG&A), excl. kosten voor uitzendarbeid en transportkosten vertoonden een stijging van 3,1 miljoen EUR, hetzij 1,8 %, voornamelijk ingevolge hogere kosten gerelateerd aan strategische bedrijfsprojecten.
In het eerste semester van 2016 bedroegen de transportkosten 98,6 miljoen EUR, d.i. 4,4 miljoen EUR minder dan vorig jaar (hetzij -4,3 %), in lijn met de evolutie van de internationale activiteiten, gedeeltelijk tenietgedaan door lagere gunstige afrekeningen van de eindrechten van de vorige jaren (0,6 miljoen EUR).
De daling van overige kosten in het eerste semester van 2016 bedroeg 10,5 miljoen EUR of 42,7 %, voornamelijk als gevolg van de gunstige evolutie van de voorzieningen (5,9 miljoen EUR), de aan Gout gerelateerde earn-out van vorig jaar (2,0 miljoen EUR) en de hogere stijging van terugvorderbare BTW (3,0 miljoen EUR, het percentage van de terugvorderbare BTW steeg van 13 % in 2014 tot 14 % in 2015 en 18,79 % in 2016).
In het tweede kwartaal van 2016 daalde de nettokasuitstroom in vergelijking met dezelfde periode van vorig jaar met 3,4 miljoen EUR, tot 62,0 miljoen EUR.
De vrije kasstroom (-14,6 miljoen EUR) lag 6,6 miljoen EUR hoger dan vorig jaar.
De kasstroom uit bedrijfsactiviteiten bracht 12,2 miljoen EUR op (-3,3 miljoen EUR in het tweede kwartaal van 2015). Gegenereerde kasstromen uit bedrijfsactiviteiten werden negatief beïnvloed door de uitbetalingen met betrekking tot Alpha (-6,3 miljoen EUR) in het tweede kwartaal van 2016. Als deze uitbetalingen buiten beschouwing worden gelaten, dan stegen de resultaten uit bedrijfsactiviteiten met 11,1 miljoen EUR en vertoonde de evolutie van het werkkapitaal ook een positieve trend (+10,7 miljoen EUR in vergelijking met het tweede kwartaal van 2015), voornamelijk ingevolge de fasering in de betaling van commissies op door bpost verkochte bank- en verzekeringsproducten (+7,7 miljoen EUR) en de positieve impact van de hogere terugvorderbare BTW (+3,4 miljoen EUR).
De investeringsactiviteiten genereerden een kasuitstroom van 26,8 miljoen EUR in het tweede kwartaal van 2016, hetzij een toename met 8,9 miljoen EUR in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. Deze evolutie wordt voornamelijk verklaard door de lagere opbrengsten uit de verkoop van gebouwen (-1,2 miljoen EUR) en de hogere kapitaalsuitgaven (-7,0 miljoen EUR). In vergelijking met vorig jaar bleven de kasuitstromen voor nieuwe dochterondernemingen in het tweede kwartaal van 2016 stabiel: kasuitstromen gerelateerd aan de aankoop van Apple Express (-11,4 miljoen EUR), City Depot (-0,2 miljoen EUR) en FDM Australië (-0,1 miljoen EUR) komen bijna overeen met de earn-outbedragen die in 2015 werden betaald aan Gout en Landmark (-10,9 miljoen EUR).
De kasuitstroom met betrekking tot financieringsactiviteiten bedroeg 47,4 miljoen EUR, d.i. een stijging met 3,2 miljoen EUR in vergelijking met vorig jaar, voornamelijk als gevolg van de uitkering van een hoger dividend aan aandeelhouders in het tweede kwartaal van 2016 (-4,0 miljoen EUR).
In het eerste semester van 2016 genereerde bpost 181,8 miljoen EUR aan geldmiddelen. Dit is een daling met 50,6 miljoen EUR in vergelijking met de nettokasinstroom van 232,4 miljoen EUR tijdens dezelfde periode van vorig jaar. Dit is voornamelijk het gevolg van een hogere kasuitstroom met betrekking tot investeringsactiviteiten.
De kasstroom uit bedrijfsactiviteiten resulteerde in een kasinstroom van 293,3 miljoen EUR, d.i. 10,0 miljoen EUR minder dan tijdens dezelfde periode van vorig jaar. Gegenereerde kasstromen uit bedrijfsactiviteiten werden negatief beïnvloed door de lagere vergoeding en de wijziging in de betalingstermijnen voor de DAEB (-36,8 miljoen EUR) en de uitbetalingen met betrekking tot Alpha (-18,3 miljoen EUR) in het eerste semester van 2016. In het eerste semester van 2016 waren de betaalde belastingen met betrekking tot vorige jaren lager dan in dezelfde periode van vorig jaar (+21,1 miljoen EUR). Als deze elementen niet in aanmerking worden genomen, dan stegen de resultaten uit bedrijfsactiviteiten met 17,1 miljoen EUR en verbeterde de evolutie van werkkapitaal lichtjes (6,9 miljoen EUR t.o.v. het eerste semester van 2015), voornamelijk als gevolg van faseringselementen: door een andere postoperator betaalde eindrechten (+4,3 miljoen EUR) en betaling van commissies op door bpost verkochte bank- en verzekeringsproducten (+6,7 miljoen EUR). Dit werd gedeeltelijk tenietgedaan door wijzigingen in de betalingstermijnen van en afrekeningen voor de sociale zekerheid (-5,4 miljoen EUR).
De investeringsactiviteiten genereerden een kasuitstroom van 62,0 miljoen EUR in het eerste semester van 2016, tegenover een uitstroom van 26,4 miljoen EUR voor dezelfde periode van vorig jaar. Deze stijging is voornamelijk het gevolg van hogere kapitaalsuitgaven (-7,9 miljoen EUR) en hogere kasuitstromen met betrekking tot de dochterondernemingen (-33,7 miljoen EUR). Deze effecten werden gedeeltelijk gecompenseerd door hogere opbrengsten uit de verkoop van materiële vaste activa (+6,1 miljoen EUR).
De kasuitstroom met betrekking tot financieringsactiviteiten bedroeg 49,5 miljoen EUR, d.i. een stijging met 5,1 miljoen EUR in vergelijking met vorig jaar, gelet op de uitkering van een hoger dividend en het dividend aan minderheidsbelangen dat in het eerste semester van 2016 werd uitgekeerd.
Op 29 mei 2016 bevestigde bpost dat het onderhandelingen had gevoerd met PostNL met het oog op een mogelijke combinatie van de twee bedrijven via een vriendelijk openbaar overnamebod van bpost op alle aandelen van PostNL. Deze onderhandelingen hebben uiteindelijk niet geleid tot een overeenkomst over de voorwaarden van dergelijke transactie.
Op 1 juni 2016 kocht 9517154 Canada Ltd, een volledige dochteronderneming van bpost NV, de activa van Apple Express Courier Ltd en Matt's Express (1990) Ltd, twee Canadese bedrijven, en kocht bpost US Holding Inc., een andere volledige dochteronderneming van bpost NV, 100 % van de aandelen van Apple Express Courier Inc., een in Miami gevestigd Amerikaanse bedrijf.
Deze Apple Express-entiteiten leveren hoofdzakelijk "last mile"-leveringsdiensten, transport en fulfillmentdiensten aan hun klanten in Canada en de VS.
Deze acquisitie ondersteunt de internationale cross-border pakjes strategie van het bedrijf.
Op 3 juni 2016 kondigde de Europese Commissie aan dat het volgens de regelgeving van de staatsteun het 6e Management Contract en de concessieovereenkomsten voor de distributie van kranten en tijdschriften goedkeurde.
Met bringr, een primeur voor België, vult bpost het bestaande aanbod aan met een complementaire dienst die mensen toelaat om een chauffeur te vinden voor het ophalen van goederen en deze te vervoeren van een punt A naar een punt B. De rol van bpost hierin is het faciliteren van het deelplatform. Mensen die zich aandienen als kandidaat–chauffeur zijn dus niet contractueel gebonden aan bpost, maar dienen uiteraard de geldende regelgeving hieromtrent te volgen. Voor de pilootfase van het project koos bpost de regio Antwerpen als ophaalpunt voor de goederen. De plaats van de bestemming wordt onderling afgesproken en is dus niet beperkt tot Antwerpen. Indien de pilootfase succesvol blijkt te zijn, volgt een uitbreiding naar meerdere steden.
09.11.16 (17.45 uur CET) Financiële resultaten 3Q16 15.11.16 Capital Markets Day
09.08.16 (10.00 uur CET) Telefonische vergadering met de analisten 10.10.16 Begin stille periode voorafgaand aan de 3Q16 resultaten 10.11.16 (10.00 uur CET) Telefonische vergadering met de analisten 05.12.16 (17.45 uur CET) Aankondiging interim dividend 2016 08.12.16 Ex-dividend datum (interim dividend) 09.12.16 Registratiedatum (interim dividend) 12.12.16 Uitbetalingdatum van het interimdividend
| Tussentijdse geconsolideerde resultatenrekening | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| TOE | Totaal van het jaar | 2de kwartaal | ||||||
| In miljoen EUR | LICH TING |
2015 | 2016 | 2015 | 2016 | |||
| Omzet | 6 | 1.206,3 | 1.183,2 | 593,7 | 587,5 | |||
| Overige bedrijfsopbrengsten | 7,9 | 13,3 | 3,9 | 4,4 | ||||
| TOTAAL BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 1.214,2 | 1.196,5 | 597,6 | 591,9 | ||||
| Materiaalkost | (13,7) | (14,9) | (6,3) | (8,0) | ||||
| Diensten en diverse goederen | 7 | (294,8) | (301,4) | (148,8) | (157,2) | |||
| Personeelskosten | (562,4) | (545,7) | (274,7) | (268,2) | ||||
| Overige bedrijfskosten | (10,9) | 0,8 | (8,1) | 0,9 | ||||
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | (42,6) | (44,6) | (21,5) | (22,7) | ||||
| TOTAAL BEDRIJFSKOSTEN | (924,4) | (905,8) | (459,4) | (455,2) | ||||
| BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT) | 289,8 | 290,7 | 138,3 | 136,8 | ||||
| Financiële opbrengsten | 2,1 | 2,7 | 0,7 | 2,0 | ||||
| Financiële kosten | (8,3) | (16,2) | (5,1) | (13,7) | ||||
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen |
4,6 | 2,3 | 5,4 | 5,1 | ||||
| RESULTAAT UIT GEWONE BEDRIJFSUITVOERING |
288,2 | 279,5 | 139,2 | 130,2 | ||||
| Belastingen | (100,5) | (95,7) | (48,1) | (42,3) | ||||
| NETTORESULTAAT VAN DE PERIODE | 187,7 | 183,7 | 91,2 | 87,9 | ||||
| Toerekenbaar aan: | ||||||||
| Aandeelhouders van bpost | 186,7 | 183,1 | 91,0 | 87,5 | ||||
| Minderheidsbelangen | 1,0 | 0,6 | 0,1 | 0,4 | ||||
| In EUR | Totaal van het jaar | 2de kwartaal | ||
|---|---|---|---|---|
| 2015 | 2016 | 2015 | 2016 | |
| ► gewone winst van het jaar, toe te rekenen aan de | ||||
| houders van gewone aandelen van de moederschappij | 0,93 | 0,92 | 0,46 | 0,44 |
| ► verwaterde winst van het jaar, toe te rekenen aan | ||||
| houders van gewone aandelen van de | ||||
| moedermaatschappij | 0,93 | 0,92 | 0,46 | 0,44 |
Overeenkomstig IAS 33 dient de verwaterde winst per aandeel berekend te worden door het nettoresultaat toerekenbaar aan de houders van gewone aandelen van de moedermaatschappij (na aanpassing van de effecten van alle potentiële verwaterde gewone aandelen) te delen door het
2 De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met IAS 34 Tussentijdse Financiële Rapportering
gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen tijdens het jaar, vermeerderd met het gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen dat zou worden uitgegeven bij een omzetting van alle aandelenopties in gewone aandelen.
In het geval van bpost is er geen effect van verwatering op het netto resultaat toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen en op het gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen.
| In miljoen EUR | Per 30 juni 2015 |
Per 30 juni 2016 |
|---|---|---|
| NETTORESULTAAT VAN DE PERIODE | 187,7 | 183,7 |
| NIET GEREALISEERDE RESULTATEN | ||
| Niet gerealiseerde resultaten die geherklasseerd worden naar de resultatenrekening in volgende periodes (na belastingen): |
||
| Wisselkoersverschillen uit omrekening van buitenlandse activiteiten | 0,5 | 0,4 |
| NETTO NIET GEREALISEERDE WINST/(VERLIES) DIE GEHERKLASSEERD WORDT NAAR DE RESULTATENREKENING IN VOLGENDE PERIODES |
0,5 | 0,4 |
| Niet gerealiseerde resultaten die niet geherklasseerd worden naar de resultatenrekening in volgende periodes (na belastingen): |
||
| Reële waarde van financiële activa beschikbaar voor verkoop door geassocieerde ondernemingen |
(38,5) | 19,7 |
| (Verlies) winst op voor verkoop beschikbare financiële activa | (58,3) | 29,8 |
| Inkomstenbelastingseffect | 19,8 | (10,1) |
| Reële waarde van actuariële resultaten met betrekking tot toegezegde pensioenregelingen |
4,2 | (5,7) |
| Actuariële winsten/(verliezen) met betrekking tot toegezegde pensioenregelingen | 4,8 | (7,3) |
| Inkomstenbelastingseffect | (0,6) | 1,6 |
| NETTO NIET GEREALISEERDE WINST/(VERLIES) DIE NIET GEHERKLASSEERD WORDT NAAR DE RESULTATENREKENING IN VOLGENDE PERIODES |
(34,3) | 14,0 |
| NIET-GEREALISEERDE WINST/(VERLIES) NA BELASTINGEN | (33,8) | 14,4 |
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN NA BELASTINGEN |
154,0 | 198,1 |
| Toerekenbaar aan: | ||
| Aandeelhouders van bpost | 153,0 | 197,5 |
| Minderheidsbelangen | 1,0 | 0,6 |
| Per 31 december TOE |
Per 30 juni | |||
|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | LICH TING |
2015 | 2016 | |
| Activa | ||||
| Vaste activa | ||||
| Materiële vaste activa | 8 | 548,5 | 538,9 | |
| Immateriële vaste activa | 9 | 89,6 | 120,1 | |
| Investeringen in geassocieerde deelnemingen | 10 | 375,0 | 397,0 | |
| Vastgoedbeleggingen | 6,5 | 5,9 | ||
| Uitgestelde belastingsvorderingen | 47,2 | 47,1 | ||
| Handels- en overige vorderingen | 2,3 | 2,1 | ||
| 1.069,2 | 1.111,1 | |||
| Vlottende activa | ||||
| Activa aangehouden voor verkoop | 3,1 | 0,7 | ||
| Voorraden | 11,1 | 9,9 | ||
| Te ontvangen belastingen | 1,7 | 2,3 | ||
| Handels- en overige vorderingen | 11 | 411,2 | 328,9 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 12 | 615,7 1.042,8 |
796,6 1.138,3 |
|
| TOTAAL ACTIVA | 2.112,0 | 2.249,5 | ||
| Eigen vermogen en passiva | ||||
| Eigen vermogen toerekenbaar aan de eigenaars van de moedermaatschappij | ||||
| Geplaatst kapitaal | 364,0 | 364,0 | ||
| Eigen aandelen | 0,0 | 0,0 | ||
| Reserves | 230,9 | 293,9 | ||
| Omrekeningsverschillen | 0,6 | 1,0 | ||
| Overgedragen resultaat | 99,3 | 183,7 | ||
| 694,8 | 842,6 | |||
| Minderheidsbelangen | (0,0) | 0,0 | ||
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN | 694,8 | 842,6 | ||
| Langlopende verplichtingen | ||||
| Rentedragende verplichtingen en leningen | 56,2 | 57,1 | ||
| Personeelsbeloningen | 13 | 346,2 | 358,7 | |
| Handels- en overige schulden | 14 | 61,7 | 24,5 | |
| Voorzieningen | 29,2 | 29,7 | ||
| Uitgestelde belastingsverplichtingen | 1,3 | 1,3 | ||
| Kortlopende verplichtingen | 494,7 | 471,4 | ||
| Rentedragende verplichtingen en leningen | 9,6 | 9,3 | ||
| Bankvoorschotten in rekening-courant | 0,2 | 0,2 | ||
| Voorzieningen | 35,0 | 29,6 | ||
| Te betalen belastingen | 15 | 39,4 | 109,4 | |
| Handels- en overige schulden | 16 | 838,3 | 787,1 | |
| 922,5 | 935,5 | |||
| TOTAAL PASSIVA | 1.417,2 | 1.406,9 | ||
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN PASSIVA | 2.112,0 | 2.249,5 |
| In miljoen EUR | Geplaatst kapitaal / toegelaten kapitaal |
Eigen aan delen |
Overige reserves |
Omreke ningsver schillen |
Overge dragen resultaat |
Totaal | Minder heids belangen |
Totaal eigen vermo -gen |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| PER 1 JANUARI 2015 | 364,0 | 0,0 | 229,4 | 0,6 | 87,5 | 681,4 | 0,0 | 681,4 |
| Resultaat van het jaar 2015 |
186,7 | 186,7 | 1,0 | 187,7 | ||||
| Niet-gerealiseerde resultaten |
53,2 | 0,5 | (87,5) | (33,8) | (33,8) | |||
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET |
0,0 | 0,0 | 53,2 | 0,5 | 99,2 | 153,0 | 1,0 | 154,0 |
| GEREALISEERDE RESULTATEN |
||||||||
| Dividenden (betaling) | (44,0) | 0,0 | (44,0) | 0,0 | (44,0) | |||
| Andere | (3,2) | 1,0 | (2,2) | (1,0) | (3,2) | |||
| PER 30 JUNI 2015 | 364,0 | (0,0) | 235,4 | 1,1 | 187,7 | 788,2 | 0,0 | 788,2 |
| AS PER 1 JANUARI 2016 |
364,0 | (0,0) | 230,9 | 0,6 | 99,3 | 694,8 | 0,0 | 694,8 |
| Resultaat van het jaar 2016 |
183,1 | 183,1 | 0,6 | 183,7 | ||||
| Niet-gerealiseerde resultaten |
113,3 | 0,4 | (99,3) | 14,4 | 14,4 | |||
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET GEREALISEERDE RESULTATEN |
0,0 | 0,0 | 113,3 | 0,4 | 83,8 | 197,5 | 0,6 | 198,1 |
| Dividenden (betaling) | (48,0) | 0,0 | (48,0) | (2,0) | (50,0) | |||
| Andere | (2,3) | 0,6 | (1,7) | 1,4 | (0,3) | |||
| PER 30 JUNI 2016 | 364,0 | (0,0) | 293,9 | 1,0 | 183,7 | 842,6 | 0,0 | 842,6 |
Het eigen vermogen steeg met 147,8 miljoen EUR, of 21,3%, tot 842,6 miljoen EUR per 30 juni 2016 van 694,8 miljoen EUR per 31 december 2015. De stijging was voornamelijk toe te schrijven aan de gerealiseerde winst van 183,7 miljoen EUR en de aanpassing van de reële waarde betreffende de obligatieportefeuille van bpost bank ten bedrage van 19,7 miljoen EUR, gedeeltelijk gecompenseerd door de uitkering van dividenden ten belope van 50,0 miljoen EUR en en de nietgerealiseerde verliezen op personeelsvergoedingen na uitdiensttreding (5,7 miljoen EUR).
| Totaal van het jaar |
2de kwartaal | |||
|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2015 | 2016 | 2015 | 2016 |
| Operationele activiteiten | ||||
| Resultaat voor belastingen | 288,2 | 279,5 | 139,2 | 130,2 |
| Afschrijvingen | 42,2 | 44,6 | 21,1 | 22,7 |
| Dubieuze debiteuren | 0,2 | 0,9 | 0,5 | 0,5 |
| Winst op de realisatie van materiële vaste activa | (5,0) | (9,5) | (2,7) | (2,2) |
| Wijziging in personeelsbeloningen | (10,1) | 5,2 | (6,4) | 7,7 |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen | (4,6) | (2,3) | (5,4) | (5,1) |
| Betaalde belastingen | (4,3) | (4,0) | (1,9) | (1,8) |
| Betaalde belastingen m.b.t. voorgaande jaren | (42,0) | (20,9) | 0,0 | 0,0 |
| BEDRIJFSKASSTROOM VOOR WIJZIGING IN BEDRIJFSKAPITAAL EN VOORZIENINGEN |
264,6 | 293,4 | 144,4 | 151,9 |
| Afname / (toename) van handels- en overige vorderingen | 75,7 | 81,3 | (8,9) | (1,0) |
| Afname / (toename) in voorraden | 1,6 | 1,2 | 0,7 | 0,7 |
| Toename / (afname) van handels- en overige schulden | (39,8) | (78,0) | (140,0) | (135,5) |
| Toename / (afname) van voorzieningen | 1,2 | (4,7) | 0,5 | (4,0) |
| NETTO KASSTROOM UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 303,2 | 293,3 | (3,3) | 12,2 |
| Investeringsactiviteiten | ||||
| Ontvangsten uit de verkoop van materiële vaste activa | 8,2 | 14,4 | 5,3 | 4,1 |
| Verwerving van materiële vaste activa | (17,4) | (25,8) | (9,5) | (16,1) |
| Verwerving van immateriële activa Verwerving van dochterondernemingen, na aftrek van verworven |
(6,3) | (5,9) | (2,8) | (3,2) |
| liquide middelen | (10,9) | (44,7) | (10,9) | (11,7) |
| NETTO KASSTROOM UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN | (26,4) | (62,0) | (17,9) | (26,8) |
| Financieringsactiviteiten | ||||
| Aflossingen van leningen en schulden financiële leasing | (0,4) | 0,5 | (0,2) | 0,6 |
| Dividenden | (44,0) | (48,0) | (44,0) | (48,0) |
| Dividenden betaald aan minderheidsbelangen | (2,0) | |||
| NETTO KASSTROOM UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN | (44,4) | (49,5) | (44,2) | (47,4) |
| NETTO TOENAME VAN GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | 232,4 | 181,8 | (65,5) | (62,0) |
| NETTO IMPACT WISSELKOERSVERSCHILLEN | 1,3 | (0,9) | 0,5 | 0,3 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten min bankvoorschotten in rekening courant per 1 januari |
562,0 | 615,5 | ||
| Geldmiddelen en kasequivalenten min bankvoorschotten in rekening courant per 30 juni |
795,7 | 796,4 | ||
| BEWEGINGEN TUSSEN 1 JANUARI EN 30 JUNI | 233,7 | 180,9 |
De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening van bpost voor de eerste zes maanden eindigend op 30 juni 2016 werd goedgekeurd voor uitgifte overeenkomstig het besluit van de Raad van Bestuur van 8 augustus 2016.
bpost en zijn dochterondernemingen (hierna "bpost" genoemd) leveren nationale en internationale post- en pakjesdiensten, die bestaan uit de ophaling, het transport, de sortering en de uitreiking van geadresseerde en ongeadresseerde poststukken, drukwerk, dagbladen en pakketten.
Via zijn dochterondernemingen en business units verkoopt bpost ook een waaier andere producten en diensten, waaronder postdiensten, bank- en financiële producten, express diensten, documentbeheer en aanverwante activiteiten. bpost voert eveneens namens de overheid Diensten van Algemeen Economisch Belang (DAEB) uit.
bpost is een naamloze vennootschap naar publiek recht van België. bpost heeft zijn maatschappelijke zetel in het Muntcentrum, 1000 Brussel.
Deze tussentijdse financiële jaarrekening werd door de statutaire auditor nagezien (zie verklaring van beperkt nazicht).
De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening voor de zes maanden eindigend op 30 juni 2016, is opgesteld in overeenstemming met IAS 34 Tussentijdse Financiële Rapportering.
De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening bevat niet alle informatie en toelichtingen zoals vereist in de jaarrekening en dient te worden gelezen in combinatie met de jaarrekening van bpost op 31 december 2015.
De boekhoudregels die toegepast werden voor de tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening zijn consistent met diegene die gebruikt zijn bij het opstellen van de jaarrekening van bpost voor het jaar eindigend op 31 december 2015, met uitzondering van de invoering van nieuwe standaarden en interpretaties die vanaf 1 januari 2016 in voege zijn.
De volgende nieuwe standaarden en wijzigingen, die in werking getreden zijn vanaf 1 januari 2016 hebben geen effect op de presentatie, de financiële resultaten of de positie van bpost:
• IFRS 10, IFRS 12 & IAS 28 – Wijzigingen – Investeringsmaatschappijen: Toepassen van consolidatie uitzondering
De volgende nieuwe IFRS-standaarden en IFRIC-interpretaties, die nog moeten verplicht worden, zijn door bpost nog niet toegepast bij het opstellen van de tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening
| Standaard or interpretatie | Effectief voor de rapportering die begint op of na |
|---|---|
| IAS 7 – Wijzigingen – Initiatief over informatieverschaffing | 1 januari 2017 |
| IAS 12 – Wijzigingen – Erkennen van uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot niet gerealiseerde verliezen |
1 januari 2017 |
| IFRS 15 – Ontvangsten uit contracten met klanten | 1 januari 2018 |
| IFRS 9 – Financiële instrumenten | 1 januari 2018 |
| IFRS 16 – Leasing | 1 januari 2019 |
bpost heeft geen enkele standaard, interpretatie of wijziging, die uitgegeven maar nog niet in voege was, voortijdig aangenomen.
Op grond van het 6de beheerscontract is bpost de verlener van bepaalde DAEB. Het gaat onder meer over het behoud van een uitgebreid retailnetwerk en diensten zoals de betaling aan huis van pensioenen en het uitvoeren van financiële postdiensten. Overeenkomstig het engagement van de Belgische Staat ten aanzien van de Europese Commissie, maakt de verdeling van kranten en tijdschriften niet langer deel uit van het beheerscontract. Met betrekking tot dit laatste besliste de Belgische Staat na een publieke marktbevraging om het contract voor de uitreiking van kranten en tijdschriften toe te kennen aan bpost.
De vergoeding voor de DAEB is gebaseerd op een Netto Vermeden Kost ("NAC", Net Avoided Cost) methodologie en wordt gelijk verdeeld over de vier kwartalen. Deze methodologie bepaalt dat de vergoeding wordt gebaseerd op het verschil in nettokost tussen het al dan niet dragen van de kosten voor de DAEB. De vergoeding voor de uitreiking van kranten en tijdschriften bestaat uit een forfaitair bedrag (gelijk verdeeld over de vier kwartalen) en een bedrag dat varieert naargelang de uitgereikte volumes. Deze vergoeding is onderworpen aan een ex post-berekening op basis van de evolutie van de kostenbasis van bpost. Gedurende het jaar worden er berekeningen uitgevoerd voor de DAEB en de uitreiking van kranten en tijdschriften om ervoor te zorgen dat de vergoeding in lijn is met de opgenomen bedragen.
In mei 2016 verwierf bpost NV nog eens 10% van CityDepot NV om zo te komen tot een totaal van 58% van de aandelen voor een prijs van 0,2 miljoen EUR.
Op 21 maart 2016 verwierf bpost NV 100 % van de aandelen van zowel Freight Distribution Management Systems PTY Ltd als van FDM Warehousing PTY Ltd ("FDM"), twee in Sydney gevestigde Australische bedrijven.
Deze FDM-entiteiten zijn gespecialiseerd in het verlenen van een gepersonaliseerde dienst aan de klant voor de opslag en de distributie van producten in Australië. De activiteiten van FDM bestaan in "Third Party Logistics" (3PL) Warehousing, Transport & Distributie.
In overeenstemming met aan de aankoopovereenkomst en inclusief een prijsaanpassing van 0,4 miljoen EUR berekend op de finale cijfers, betaalde bpost NV een bedrag van 14,8 miljoen EUR. Daarnaast bevat de overeenkomst een voorwaardelijke vergoedingsregeling en voorziet ze in een bijkomende vergoeding gebaseerd op de EBITDA die gerealiseerd zal worden in 2016 en 2017. Op basis van de laatste forecast werd de reële waarde van de voorwaardelijke vergoeding opgenomen als een schuld ten belope van een bedrag van 6,8 miljoen EUR.
De berekende goodwill wordt hieronder voorgesteld:
| NETTO BOEKWAARDE IN DE VERWORVEN ENTITEIT | In miljoen EUR |
|---|---|
| Vlottende activa | 4,3 |
| Vaste activa | 3,8 |
| Kortlopende verplichtingen | 1,7 |
| Langlopende verplichtingen | 1,0 |
| Netto-actief | 5,4 |
| De reële waarde van de verworven activa i.e. 100% van de netto activa | 5,4 |
| Goodwill ontstaan bij verwerving | 16,2 |
| Overgedragen aankoopvergoeding | 21,6 |
| waarvan: | |
| - betaald bedrag | 14,8 |
| - voorwaardelijke vergoedingsregeling | 6,8 |
| Analyse van de kasstroom met betrekking tot de verwerving | In miljoen EUR |
| Netto geldmiddelen verworven met de dochteronderneming | 2,7 |
| Betaald bedrag | (14,8) |
| Netto kasuitstroom | (12,1) |
De goodwill komt voort uit de verwachte synergieën door het combineren van de activiteiten van bpost en de filialen.
Op 1 juni 2016 kocht 9517154 Canada Ltd, een volledige dochteronderneming van bpost NV, de activa van Apple Express Courier Ltd en Matt's Express (1990) Ltd, twee Canadese bedrijven, en kocht bpost US Holding Inc., een andere volledige dochteronderneming van bpost NV, 100 % van de aandelen van Apple Express Courier Inc., een in Miami gevestigd Amerikaanse bedrijf.
Deze Apple Express-entiteiten leveren hoofdzakelijk "last mile"-leveringsdiensten aan hun klanten in Canada en de VS. AE levert transport- en fulfillmentdiensten.
De totale aankoopprijs bedroeg 18,0 miljoen CAD (12,5 miljoen EUR) en is onderhevig aan een aanpassing op basis van de nettocash en het nettowerkkapitaal op de dag van afsluiting. Daarnaast voorziet de overeenkomst in een voorwaardelijke vergoeding (zogenaamde earn-out). De boekhoudkundige verwerking en de toewijzing van de aankoopprijs van de overname worden nog onderzocht en zullen volledig worden bekendgemaakt tegen het einde van het jaar.
Op 1 januari 2016 werden de voorafbetaalde pakjes overgeheveld van MRS naar P&I, bijgevolg worden alle pakjes geregistreerd bij P&I. Teneinde deze wijzigingen te weerspiegelen werden de cijfers van 2015 vergelijkbaar gemaakt. De vergelijkbare cijfers zijn terug te vinden onder de hoofding "vergelijkbaar". De hierna vermelde varianties vergelijken de cijfers van 2016 met de vergelijkbare cijfers van 2015.
De tabel hieronder geeft informatie m.b.t. inkomsten over de bedrijfssegmenten van bpost:
| Totaal van het jaar | 2de kwartaal | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2015 vergelijkbaar |
2016 | Evolutie % | 2015 vergelijkbaar |
2016 | ||
| MRS | 940,5 | 913,0 | -2,9% | 465,5 | 454,1 | ||
| P&I | 255,3 | 258,5 | 1,2% | 125,2 | 130,3 | ||
| TOTAAL BEDRIJFSOPBRENGSTEN VAN DE SEGMENTEN |
1.195,8 | 1.171,5 | -2,0% | 590,7 | 584,3 | ||
| Corporate (aansluitpost) | 18,3 | 25,0 | 36,1% | 6,9 | 7,6 | ||
| TOTAAL BEDRIJFSOPBRENGSTEN |
1.214,2 | 1.196,5 | -1,5% | 597,6 | 591,9 |
De inkomsten toe te schrijven aan het bedrijfssegment MRS daalden met 11,4 miljoen EUR tegenover het tweede kwartaal van 2015, tot 454,1 miljoen EUR, voornamelijk als gevolg van:
De inkomsten van P&I stegen met 5,0 miljoen EUR in het tweede kwartaal. De stijging van de Parcels-productportfolio (+7,2 miljoen EUR) was voornamelijk toe te schrijven aan de goede prestaties van Domestic Parcels (+5,8 miljoen EUR) en de positieve bijdrage van de overnamestrategie (+6,2 miljoen EUR), gedeeltelijk tenietgedaan door de lagere inkomsten voor International Parcels (-4,4 miljoen EUR) en Special Logistics (-0,4 miljoen EUR). Daarenboven daalde International Mail met 2,1 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de door bpost consequent uitgevoerde prijsstrategie om redelijke winstmarges te vrijwaren.
Intersegmentverkopen zijn immaterieel. Er zijn geen interne bedrijfsopbrengsten.
De ontvangen vergoeding om de diensten te verlenen beschreven in het beheerscontract (zie toelichting 6) buiten beschouwing gelaten, overschreed geen enkele externe klant meer dan 10% van de bedrijfsopbrengsten van bpost.
De volgende tabel geeft de inkomsten weer van externe klanten verdeeld over België en alle andere landen in hun totaliteit, van waaruit bpost zijn inkomsten ontleent. De toewijzing van de inkomsten van externe klanten is gebaseerd op hun locatie.
| 2de kwartaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2015 | 2016 | Evolutie % | 2015 | 2016 |
| België | 1.051,2 | 1.034,7 | -1,6% | 518,8 | 514,5 |
| Rest van de Wereld | 163,0 | 161,8 | -0,7% | 78,8 | 77,5 |
| TOTAAL BEDRIJFSOPBRENGSTEN |
1.214,2 | 1.196,5 | -1,5% | 597,6 | 591,9 |
De onderstaande tabellen geeft de EBIT en EAT weer van de bedrijfssegmenten van bpost voor de periode eindigend op 30 juni 2016 en 2015:
| Totaal van het jaar | 2de kwartaal | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2015 vergelijkbaar |
2016 | Evolutie % | 2015 vergelijkbaar |
2016 |
| MRS | 256,4 | 259,1 | 1,1% | 121,6 | 123,9 |
| P&I | 40,9 | 41,4 | 1,1% | 18,0 | 20,6 |
| EBIT SEGMENTEN |
297,4 | 300,5 | 1,1% | 139,5 | 144,4 |
| Corporate (aansluitpost) |
(7,5) | (9,8) | 30,5% | (1,3) | (7,6) |
| EBIT | 289,8 | 290,7 | 0,3% | 138,3 | 136,8 |
In het tweede kwartaal van 2016 steeg de EBIT van het bedrijfssegment MRS met 2,3 miljoen EUR tot 123,9 miljoen EUR. De lagere vergoeding voor de DAEB en voor de persconcessies en de volumedaling werden gecompenseerd door prijsverhogingen, productiviteitsverbeteringen en andere kostenverminderingen.
De EBIT toerekenbaar aan het bedrijfssegment P&I steeg in het tweede kwartaal van 2016 met 2,6 miljoen EUR - van 18,0 miljoen EUR tot 20,6 miljoen EUR. Deze stijging is voornamelijk toe te schrijven aan de toename van de bedrijfsopbrengsten, de betere prestaties van sommige dochterondernemingen van P&I en de earn-out voor Gout van vorig jaar (2,0 miljoen EUR).
| Totaal van het jaar | 2de kwartaal | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2015 vergelijkbaar |
2016 | Evolutie % | 2015 vergelijkbaar |
2016 |
| MRS | 256,4 | 259,1 | 1,1% | 121,6 | 123,9 |
| P&I | 40,9 | 41,4 | 1,1% | 18,0 | 20,6 |
| EAT SEGMENTEN |
297,4 | 300,5 | 1,1% | 139,5 | 144,4 |
| Corporate (aansluitpost) |
(109,6) | (116,8) | 6,5% | (48,4) | (56,6) |
| EAT | 187,7 | 183,7 | -2,1% | 91,2 | 87,9 |
Financiële opbrengsten, financiële kosten, aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen en belastingen zitten vervat in de aansluitpost "Corporate".
De volgende tabel bevat gedetailleerde informatie over de aansluitpost "Corporate":
| Totaal van het jaar | 2de kwartaal | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2015 | 2016 | Evolutie % |
2015 | 2016 |
| BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 18,3 | 25,0 | 36,1% | 6,9 | 7,6 |
| Centrale departmenten (Financiën, Legal, Interne Audit, CEO, …) |
(31,7) | (33,4) | 5,4% | (15,7) | (18,5) |
| Andere aansluitelementen | 5,9 | (1,4) | -123,4% | 7,5 | 3,2 |
| BEDRIJFSKOSTEN | (25,9) | (34,8) | 34,5% | (8,2) | (15,3) |
| EBIT CORPORATE (AANSLUITPOST) | (7,5) | (9,8) | 30,5% | (1,3) | (7,6) |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen |
4,6 | 2,3 | -49,8% | 5,4 | 5,1 |
| Financieel resultaat | (6,2) | (13,5) | 118,2% | (4,4) | (11,7) |
| Belastingen | (100,5) | (95,7) | -4,7% | (48,1) | (42,3) |
| EAT CORPORATE (AANSLUITPOST) | (109,6) | (116,8) | 6,5% | (48,4) | (56,6) |
Het bedrijfsresultaat (EBIT) toerekenbaar aan de aansluitpost Corporate daalde met 6,3 miljoen EUR - van 1,3 miljoen EUR negatief in het tweede kwartaal van 2015 tot 7,6 miljoen EUR negatief in het tweede kwartaal van 2016. De daling was voornamelijk toe te schrijven aan een gunstige afrekening van sociale lasten in het tweede kwartaal van 2015 (netto negatieve impact in 2016 van 4,3 miljoen EUR) en hogere kosten gerelateerd aan strategische bedrijfsprojecten.
Activa en passiva worden in het bedrijf niet gerapporteerd per segment.
| Totaal van het jaar | 2de kwartaal | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2015 | 2016 | 2015 | 2016 | |
| Omzet exclusief de DAEB vergoeding | 1.062,5 | 1.054,5 | 521,8 | 523,6 | |
| DAEB vergoeding | 143,9 | 128,6 | 71,9 | 63,9 | |
| TOTAAL | 1.206,3 | 1.183,2 | 593,7 | 587,5 |
| Totaal van het jaar | 2de kwartaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2015 | 2016 | Evolutie % |
2015 | 2016 | Evolutie % |
| Huur en huurkosten | 33,7 | 34,5 | 2,3% | 17,5 | 17,9 | 2,5% |
| Onderhoud en herstellingen | 36,4 | 36,3 | -0,4% | 18,4 | 19,4 | 5,7% |
| Levering van energie | 18,5 | 16,1 | -13,0% | 9,0 | 7,8 | -12,7% |
| Andere goederen | 8,8 | 10,0 | 13,7% | 4,4 | 5,4 | 23,3% |
| Post- en telecommunicatiekosten | 2,9 | 3,0 | 2,6% | 1,5 | 1,6 | 9,0% |
| Verzekeringskosten | 5,7 | 5,8 | 1,9% | 3,3 | 3,5 | 5,9% |
| Transportkosten | 103,0 | 98,6 | -4,3% | 50,3 | 48,2 | -4,3% |
| Reclame- en advertentiekosten | 5,9 | 6,1 | 3,8% | 3,5 | 4,5 | 30,5% |
| Consultancy | 3,1 | 5,4 | 76,4% | 1,4 | 2,3 | 60,9% |
| Uitzendarbeid | 14,9 | 22,8 | 53,0% | 8,1 | 12,5 | 54,3% |
| Beloningen aan derden, honoraria | 52,2 | 53,6 | 2,7% | 26,3 | 29,1 | 10,5% |
| Overige goederen en diensten | 9,7 | 9,2 | -4,8% | 5,1 | 5,0 | -3,0% |
| TOTAAL | 294,8 | 301,4 | 2,2% | 148,8 | 157,2 | 5,7% |
In het eerste semester van 2016 daalden materiële vaste activa met 9,6 miljoen EUR, of 1,8%, tot 538,9 miljoen EUR per 30 juni 2016. De daling was voornamelijk toe te schrijven aan afschrijvingen ten belope van 37,8 miljoen EUR en de overdracht van 2.4 miljoen EUR in Activa Aangehouden Voor Verkoop, gedeeltelijk gecompenseerd door de kapitaalsuitgaven van 25,8 miljoen EUR en verwervingen door middel van bedrijfscombinaties van 4,1 miljoen EUR.
Immateriële vaste activa stegen met 30,5 miljoen EUR in het eerste semester van 2016, of 34,0%, tot 120,1 miljoen EUR per 30 juni 2016. De stijging was voornamelijk toe te schrijven aan de kapitaalsuitgaven van 5,9 miljoen EUR, de goodwill voortvloeiend uit de verwerving van nieuwe filialen (FDM, Apple Express) voor 16,5 miljoen EUR en de aankoop van de activa van Apple Express voor 14,9 miljoen EUR. Deze toename is gedeeltelijk gecompenseerd door afschrijvingen van 6,8 miljoen EUR.
Investeringen in geassocieerde deelnemingen stegen met 22,0 miljoen EUR, hetzij 5,9% tot 397,0 miljoen EUR op 30 juni 2016. Deze stijging is het gevolg van de toename van de nietgerealiseerde winsten op de obligatieportefeuille ten bedrage van 19,7 miljoen EUR, hetgeen een gemiddelde daling van de onderliggende yieldcurve met 35 basis punten (bps) weerspiegelt, en van het aandeel van bpost in de winst van bpost bank voor de eerste zes maanden van 2016 ten bedrage van 2,3 miljoen EUR. Op 30 juni 2016 omvatten investeringen in geassocieerde deelnemingen netto niet-gerealiseerde winsten inzake de obligatieportefeuille ten bedrage van 198,6 miljoen EUR, hetgeen overeenkwam met 50,0% van de totale investeringen in geassocieerde deelnemingen. De niet-gerealiseerde winsten werden gegenereerd door het lagere niveau van de rentevoeten tegenover de rente bij de aankoop van de obligaties. Niet-gerealiseerde winsten worden niet opgenomen in de resultatenrekening, maar worden veeleer direct verwerkt in het eigen vermogen onder niet-gerealiseerde resultaten.
De kortlopende handelsvorderingen en overige vorderingen daalden met 82,3 miljoen EUR, hetzij 20,0%, tot 328,9 miljoen EUR per 30 juni 2016. De daling was voornamelijk toe te schrijven aan de gebruikelijke vereffening van de DAEB vordering voor het laatste kwartaal van 2015.
Geldmiddelen en kasequivalenten stegen met 180,9 miljoen EUR, of 29,4%, tot 796,6 miljoen EUR per 30 juni 2016. De stijging is voornamelijk het gevolg van de genormaliseerde vrije kasstroom (231,3 miljoen EUR) gedeeltelijk gecompenseerd door de betaling van dividenden ten bedrage van 50,0 miljoen EUR.
| Per 31 December | Per 30 juni | |
|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2015 | 2016 |
| Beloningen-na-uitdiensttreding | (77,7) | (84,2) |
| Personeelsbeloningen op lange termijn | (108,9) | (113,5) |
| Ontslagvergoedingen | (11,6) | (8,6) |
| Andere beloningen op lange termijn | (148,1) | (152,3) |
| TOTAAL | (346,2) | (358,7) |
De personeelsbeloningen stegen met 12,5 miljoen EUR, of 3,6%, tot 358,7 miljoen EUR per 30 juni 2016. De verhoging weerspiegelt voornamelijk:
De langlopende handelsschulden en overige schulden daalden met 37,1 miljoen EUR tot 24,5 miljoen EUR per 30 juni 2016, voornamelijk ingevolge de overheveling van de overige 24,5% van de aandelen van Landmark van lange termijn naar korte termijn, gedeeltelijk gecompenseerd door de earn-outs gerelateerd aan de overname van FDM (3,4 miljoen EUR) en Apple Express (3,9 miljoen EUR).
Te betalen belastingen stegen met 69,9 miljoen EUR, tot 109,4 miljoen EUR per 30 juni 2016 en worden voornamelijk verklaard door de voorziening voor de te betalen belastingen, gedeeltelijk gecompenseerd door de belastingen die in het eerste kwartaal van 2016 werden betaald.
De handels- en overige schulden daalden met 51,2 miljoen EUR, of 6,1%, tot 787,1 miljoen EUR per 30 juni 2016. Deze daling is toe te schrijven aan de afname van de handelsschulden en de sociale lasten met respectievelijk 34,4 en 89,3 miljoen EUR, gedeeltelijk gecompenseerd door de stijging van de overige schulden met 72,6 miljoen EUR. De daling van sociale lasten wordt voornamelijk veroorzaakt door een tijdelijk verschil, aangezien sociale voorzieningen voor het volledige jaar 2015 (vakantiegeld, bonussen..) werden betaald tijdens het eerste semester van 2016. De stijging van de overige schulden is voornamelijk het gevolg van de voorafbetaling ontvangen van de Belgische Staat met betrekking tot de vergoeding voor de DAEB (45,0 miljoen EUR), alsook van de overheveling van lange termijn naar korte termijn voor de aankoop van de resterende aandelen van Landmark en de earn-outs gerelateerd aan de overname van FDM (3.4 miljoen EUR) en Apple Express (3,6 miljoen EUR), gedeeltelijk gecompenseerd door de betaling van 24,5% van de aandelen van Landmark in 2016.
Op 30 juni 2016 telde bpost 6.537 hulppostmannen. 53 hulppostmannen hebben een rechtsgeding aangespannen tegen bpost bij verschillende arbeidsrechtbanken; ze eisen een gelijk loon en gelijke voordelen als de baremiek contractuele of statutaire personeelsleden die hetzelfde werk doen. Alle eisen en aantijgingen worden door bpost betwist.
Totnogtoe heeft geen enkele rechtbank de klachten gegrond verklaard en op 25 mei 2016 heeft het Hof van Beroep van Bergen de eisen van 11 hulppostmannen in hoger beroep verworpen. Momenteel zijn er geen eisen meer lopend in de rechtbanken, maar beroeps- of cassatieprocedures kunnen nog ingediend worden.
Geen belangrijke gebeurtenissen, met invloed op de financiële positie, zijn waargenomen na balansdatum.
Verslag van het College van Commissarissen - Bedrijfsrevisoren aan de aandeelhouders van de vennootschap bpost NV van publiek recht over de beoordeling van de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële staten voor de periode van zes maanden afgesloten per 30 juni 2016
Wij hebben de beoordeling uitgevoerd van de bijhorende tussentijdse financiële positie van het geconsolideerd geheel ("de balans") van bpost NV van publiek recht (de "Vennootschap") en haar dochterondernemingen (gezamenlijk de "Groep") per 30 juni 2016 nagekeken, alsmede van de bijhorende tussentijdse geconsolideerde resultatenrekening, het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, het geconsolideerde mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht voor de periode van zes maanden die op die datum is beëindigd, en de toelichtingen, gezamenlijk, de "Tussentijdse Verkorte Geconsolideerde Financiële Staten". Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de presentatie van deze Tussentijdse Verkorte Geconsolideerde Financiële Staten in overeenstemming met de International Financial Reporting Standard "IAS 34 Tussentijdse Financiële Verslaggeving" zoals goedgekeurd voor toepassing in de Europese Unie. Onze verantwoordelijkheid bestaat erin een conclusie te formuleren over deze Tussentijdse Verkorte Geconsolideerde Financiële Staten op basis van de door ons uitgevoerde beoordeling.
Wij hebben onze beoordeling uitgevoerd overeenkomstig ISRE 2410 "Beoordeling van tussentijdse financiële informatie, uitgevoerd door de onafhankelijke auditor van de entiteit". Een beoordeling van tussentijdse financiële informatie bestaat uit het verzoeken om inlichtingen, in hoofdzaak van personen verantwoordelijk voor financiële en boekhoudkundige aangelegenheden, alsmede uit het uitvoeren van cijferanalyses en andere beoordelingswerkzaamheden. De reikwijdte van een beoordeling is aanzienlijk geringer dan die van een overeenkomstig de Internationale Controlestandaarden uitgevoerde controle. Om die reden stelt de beoordeling ons niet in staat om zekerheid te verkrijgen van alle aangelegenheden van materieel belang die naar aanleiding van een controle aan het licht zouden komen. Bijgevolg brengen wij geen controle-oordeel tot uitdrukking.
Op basis van onze beoordeling is niets onder onze aandacht gekomen dat ons er toe aanzet van mening te zijn dat de bijgevoegde Tussentijdse Verkorte Geconsolideerde Financiële Staten niet in alle van materieel zijnde opzichten zijn opgesteld in overeenstemming met IAS 34 "Tussentijdse Financiële Verslaggeving" zoals goedgekeurd voor toepassing in de Europese Unie.
Diegem, 8 augustus 2016
Het College van Commissarissen – Bedrijfsrevisoren
Ernst & Young Bedrijfsrevisoren BCVBA PVMD Bedrijfsrevisoren BCVBA Vertegenwoordigd door Vertegenwoordigd door
Eric Golenvaux* Caroline Baert Vennoot Vennoot *Handelend in naam van een BVBA
bpost analyseert ook de resultaten van zijn activiteiten op een genormaliseerde basis of voor eenmalige elementen. Eenmalige elementen vertegenwoordigen belangrijke elementen binnen de opbrengsten of kosten die ten gevolge van hun uitzonderlijk karakter niet zijn opgenomen in de interne rapportering en de resultaatsanalyses. bpost streeft naar een consistente benadering bij de bepaling of een opbrengst of kostelement eenmalig is en of het voldoende significant is om uit de gerapporteerde cijfers te worden uitgesloten ten einde genormaliseerde cijfers te bekomen.
Een eenmalig element is verondersteld significant te zijn als het 20 miljoen EUR of meer bedraagt. Alle winsten en verliezen ten gevolge van de buitengebruikstelling van activiteiten worden genormaliseerd ongeacht het bedrag zij vertegenwoordigen. Terugnames van provisies waarvan de aanlegging eerder werd genormaliseerd, worden ook genormaliseerd ongeacht hun bedrag.
De presentatie van genormaliseerde resultaten is niet in overeenstemming met IFRS en is niet geauditeerd. De genormaliseerde resultaten zijn mogelijk niet vergelijkbaar met de genormaliseerde cijfers gerapporteerd door andere vennootschappen omdat deze vennootschappen hun genormaliseerde cijfers anders kunnen berekenen dan bpost. Genormaliseerde financiële cijfers worden hieronder voorgesteld.
In het eerste en tweede kwartaal van 2016 en 2015 werden geen eenmalige elementen geïdentificeerd.
In het eerste en tweede kwartaal van 2016 en 2015 werden geen eenmalige elementen geïdentificeerd.
| Totaal van het jaar | 2de kwartaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| In million EUR | 2015 | 2016 | Evolutie % |
2015 | 2016 | Evolutie % |
| IFRS geconsolideerde nettowinst | 187,7 | 183,7 | -2,1% | 91,2 | 87,9 | -3,6% |
| Resultaten van de dochterondernemingen en deconsolidatie impacten |
(13,6) | (18,6) | 37,1% | (4,9) | (8,4) | 71,3% |
| Verschillen in afschrijvingen en waardeverminderingen |
(4,0) | (0,3) | -91,8% | (1,3) | (0,0) | -98,7% |
| Verschillen in opname van voorzieningen | (0,9) | (2,4) | 182,9% | (0,2) | (2,2) | - |
| Effecten van IAS 19 | (10,5) | 3,1 | -129,5% | (5,3) | 6,0 | -213,9% |
| Uitgestelde belastingen | 6,6 | 1,5 | -77,2% | 3,0 | (0,2) | -105,2% |
| Overige | 5,7 | 4,4 | -22,6% | 1,3 | (1,8) | -232,9% |
| BGAAP niet-geconsolideerde nettowinst | 171,1 | 171,4 | 0,1% | 83,8 | 81,4 | -2,9% |
De niet-geconsolideerde winst na belastingen van bpost, opgemaakt in overeenstemming met de Belgische boekhoudregels (BGAAP), kan in twee stappen worden afgeleid uit de geconsolideerde IFRS winst na belastingen.
In een eerste stap wordt de niet-geconsolideerde winst na belastingen volgens IFRS afgeleid, nl. door:
De tabel hieronder toont een opsplitsing van hetgeen hierboven vermeld wordt:
| Totaal van het jaar |
2de kwartaal | |||
|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2015 | 2016 | 2015 | 2016 |
| Winst van de Belgische volledig geconsolideerde dochterondernemingen (GAAP lokaal) |
(4,9) | (6,7) | (2,3) | (3,6) |
| Winst van de internationale dochterondernemingen (GAAP lokaal) | (4,8) | (7,0) | (2,7) | (4,9) |
| Aandeel in de winst van bpost bank (GAAP lokaal) | (7,2) | (6,6) | (3,6) | (3,5) |
| Overige deconsolidatie impacten | 3,4 | 1,7 | 3,7 | 3,7 |
| TOTAAL | (13,6) | (18,6) | (4,9) | (8,4) |
Bij de tweede stap wordt het BGAAP resultaat afgeleid van het IFRS resultaat, dit wordt bekomen door alle IFRS-aanpassingen die aan lokale GAAP-cijfers werden gedaan terug te draaien. Deze aanpassingen omvatten, maar zijn niet beperkt tot, het volgende:
discontovoeten voor toekomstige verplichtingen dewelke opgenomen worden als financieel resultaat. De jaar over jaar evolutie in het tweede kwartaal is voornamelijk verklaard door stijging van de financiële kosten gerelateerd aan personeelsbeloningen. Dit was het gevolg van een daling in de discontovoeten.
• Uitgestelde belastingen worden niet geboekt in BGAAP maar wel in IFRS.
Het Directiecomité van bpost verklaart dat volgens hun kennis de verkorte geconsolideerde rapportering die opgesteld is in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards ("IFRS"), een getrouw en eerlijk beeld geeft van de activa, de financiële toestand en de resultaten van bpost en van de entiteiten die in de consolidatie zijn opgenomen.
Het financieel verslag geeft een duidelijk beeld van de informatie dat moet vermeld worden ingevolge artikel 13 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007.
Het Directiecomité van bpost wordt vertegenwoordigd door Koen Van Gerven, gedelegeerd bestuurder en Koen Beeckmans, Chief Financial Officer.
De informatie in dit document kan op de toekomst gerichte verklaringen bevatten3 , die gebaseerd zijn op de huidige toekomstverwachtingen van het management over toekomstige gebeurtenissen. Door de aard ervan houden op de toekomst gerichte verklaringen geen garanties in m.b.t. toekomstige prestaties en houden ze gekende en ongekende risico's, onzekerheden, veronderstellingen en andere factoren in omdat ze betrekking hebben op gebeurtenissen of afhangen van omstandigheden die zullen plaatsvinden in de toekomst en die al dan niet onder de controle van de onderneming vallen. Dergelijke factoren kunnen aanleiding geven tot resultaten, prestaties of ontwikkelingen die aanzienlijk verschillen van deze die door dergelijke op de toekomst gerichte verklaringen worden uitgedrukt of geïmpliceerd. Dientengevolge wordt niet gewaarborgd dat dergelijke op de toekomst gerichte verklaringen correct zullen blijken te zijn. Ze worden pas relevant op de datum van de presentatie en de onderneming legt zich geen verplichting op om de in dit verslag opgenomen op de toekomst gerichte verklaringen bij te werken zodat ze de werkelijke resultaten, veranderingen in aannames of veranderingen in factoren die betrekking hebben op deze verklaringen, zouden weerspiegelen.
3 zoals onder meer bepaald krachtens de "U.S. Private Securities Litigation Reform Act" van 1995
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.