Quarterly Report • Aug 7, 2019
Quarterly Report
Open in ViewerOpens in native device viewer
Kernfeiten tweede kwartaal 2019
Koen Van Gerven, CEO, verklaarde: "De inspanningen van al onze medewerkers stelden het bedrijf in staat om tweede kwartaalresultaten te boeken in lijn met de verwachtingen. Bovendien zitten we op schema om onze vooruitzichten voor het volledige jaar te realiseren. Dankzij de ontwikkeling van ecommerce kenden pakjes in België en Nederland een sterke groei. In Noord-Amerika tekenden we een goed commercieel momentum op terwijl het klantenverloop van het verleden en tariefherzieningen bij Radial in 2018 bleven wegen op de prestaties van het Parcels & Logistics-segment. De nieuwe contracten afgesloten bij Radial in de eerste helft van het jaar liggen boven de verwachtingen en zijn veelbelovend voor de toekomst. De versnelde volumedaling van brievenpost in België sinds het begin van het jaar is te wijten aan de verwachte trend in e-substitutie. Het toont nog maar eens aan hoe belangrijk het is dat wij ons distributiemodel aanpassen, zodat het is afgestemd op de snel veranderende klantenbehoeften. Onze aandacht gaat uit naar het implementeren van onze strategie om een efficiënte postbezorger te blijven en bpost om te vormen tot een wereldspeler op het vlak van e-commercelogistiek, met een sterke verankering in België. Ik dank alle medewerkers van bpost voor hun dagelijkse inzet."
De ambitie voor 2019 is om stabiele bedrijfsopbrengsten voor de groep, inclusief verkoop van gebouwen, en een genormaliseerde EBIT voor de groep hoger dan 300,0 miljoen EUR te realiseren. We beogen eveneens om ten minste 85% van de 2019 BGAAP nettowinst van bpost NV als dividend uit te betalen.
Meer bepaald voor onze 4 business units:
• Corporate wordt verwacht om EBIT neutraal te zijn.
De bruto kapitaalsuitgaven zullen zich naar verwachting in een vork van 150,0 miljoen EUR tot 185,0 miljoen EUR situeren (voordien 150,0 miljoen EUR).
Voor meer informatie: Saskia Dheedene T. +32 2 276 7643 (IR) corporate.bpost.be/investors Stéphanie Voisin T. +32 2 276 2197 (IR) [email protected] Barbara Van Speybroeck T. +32 2 276 3218 (Media) [email protected]
| Gerapporteerd | Genormaliseerd | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2018 | 2019 | 2018 | 2019 | % Δ | |
| Totaal bedrijfsopbrengsten | 928,4 | 935,7 | 928,4 | 935,7 | 0,8% |
| Bedrijfskosten (excl. afschrijvingen) | 785,8 | 773,9 | 785,8 | 773,9 | -1,5% |
| EBITDA | 142,5 | 161,7 | 142,5 | 161,7 | 13,4% |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen |
39,6 | 59,9 | 34,3 | 54,2 | 58,1% |
| EBIT | 102,9 | 101,8 | 108,3 | 107,5 | -0,7% |
| Marge (%) | 11,1% | 10,9% | 11,7% | 11,5% | |
| Winst voor belastingen | 101,3 | 92,7 | 106,6 | 98,4 | -7,7% |
| Belastingen | 33,2 | 29,3 | 33,7 | 29,8 | |
| Nettowinst | 68,1 | 63,4 | 72,9 | 68,6 | -5,9% |
| Vrije kasstroom | (78,6) | 4,5 | (79,7) | 18,5 | |
| bpost N.V. netto winst (BGAAP) | 82,6 | 40,1 | 82,6 | 40,1 | -51,5% |
| Nettoschuld / (Netto geldmiddelen), per 30 juni2 |
275,6 | 692,5 | 275,6 | 692,5 |
| Gerapporteerd | Genormaliseerd | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2018 | 2019 | 2018 | 2019 | % Δ | |
| Totaal bedrijfsopbrengsten | 1.844,9 | 1.842,5 | 1.844,9 | 1.842,5 | -0,1% |
| Bedrijfskosten (excl. afschrijvingen) | 1.559,1 | 1.529,7 | 1.559,1 | 1.529,7 | -1,9% |
| EBITDA | 285,7 | 312,8 | 285,7 | 312,8 | 9,5% |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen |
76,8 | 120,6 | 65,1 | 109,5 | 68,1% |
| EBIT | 208,9 | 192,2 | 220,6 | 203,3 | -7,8% |
| Marge (%) | 11,3% | 10,4% | 12,0% | 11,0% | |
| Winst voor belastingen | 200,6 | 174,2 | 212,3 | 185,2 | -12,7% |
| Belastingen | 68,8 | 60,6 | 69,8 | 61,6 | |
| Nettowinst | 131,8 | 113,5 | 142,5 | 123,7 | -13,2% |
| Vrije kasstroom | 72,7 | 190,6 | 91,3 | 213,9 | |
| bpost N.V. netto winst (BGAAP) | 154,9 | 100,2 | 154,9 | 100,2 | -35,3% |
| Nettoschuld / (Netto geldmiddelen), per 30 juni ² |
275,6 | 692,5 | 275,6 | 692,5 |
1 Genormaliseerde cijfers werden niet geauditeerd.
2 Impact van de eerste toepassing van IFRS 16 zorgde ervoor dat de nettoschuld steeg met 429,5 miljoen EUR.
In vergelijking met vorig jaar stegen de totale externe bedrijfsopbrengsten met 7,3 miljoen EUR tot 935,7 miljoen EUR. Deze stijging was voornamelijk toe te schrijven aan de stijging van Parcels & Logistics Europa & Azië (11,8 miljoen EUR, voornamelijk organische volumestijging van 17,7% van Parcels BeNe) en de stijging van Corporate (19,3 miljoen EUR) ingevolge de verkoop van het Muntcentrum-gebouw. Deze effecten werden gedeeltelijk tenietgedaan door de volumedaling van Domestic Mail (-13,5 miljoen EUR Domestic Mail in zijn geheel, terwijl de totale daling voor Mail & Retail -12,6 miljoen EUR bedroeg) en de verwachte daling van Parcels & Logistics Noord-Amerika (- 11,2 miljoen EUR).
Bedrijfskosten, met inbegrip van genormaliseerde afschrijvingen en waardeverminderingen, stegen met -8,0 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de terugname vorig jaar van een voorziening (- 14,9 miljoen EUR) in Corporate, dewelke bij Corporate de verkoop van het Muntcentrum-gebouw compenseert. Dientengevolge daalde de genormaliseerde EBIT lichtjes met -0,8 miljoen EUR of 0,7% in vergelijking met vorig jaar.
De initiële toepassing van IFRS 16 had een positieve impact van 26,6 miljoen EUR op de EBITDA in vergelijking met vorig jaar.
Het financieel nettoresultaat daalde met -8,1 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de stijging van niet-cash financiële kosten met betrekking tot personeelsbeloningen IAS 19 als gevolg van de daling van de discontovoeten, de interesten op de leningen en de obligatie en de eerste toepassing van IFRS 16.
De genormaliseerde belastinguitgaven daalden in vergelijking met vorig jaar, voornamelijk ingevolge de lagere winst vóór belastingen.
De genormaliseerde IFRS nettowinst van de Groep bedroeg 68,6 miljoen EUR. De BGAAP nettowinst van het moederbedrijf bedroeg 40,1 miljoen EUR.
In vergelijking met vorig jaar daalden de totale externe bedrijfsopbrengsten lichtjes met 2,4 miljoen EUR tot 1.842,5 miljoen EUR. De daling van Mail & Retail (-23,4 miljoen EUR), met de volumedaling die groter was dan verwacht en de verwachte daling van Parcels & Logistics Noord-Amerika (-24,0 miljoen EUR), werd bijna gecompenseerd door de stijging van Parcels & Logistics Europa en Azië (26,0 miljoen EUR) en de stijging van Corporate (19,0 miljoen EUR, ingevolge de verkoop van het Muntcentrum-gebouw).
Bedrijfskosten, met inbegrip van genormaliseerde afschrijvingen en waardeverminderingen, stegen met -14,9 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de terugname vorig jaar van een voorziening (- 14,9 miljoen EUR) in Corporate. Dientengevolge daalde de genormaliseerde EBIT met -17,3 miljoen EUR of 7,8% in vergelijking met vorig jaar.
De initiële toepassing van IFRS 16 had een positieve impact van 52,1 miljoen EUR op de EBITDA in vergelijking met vorig jaar.
Het financieel nettoresultaat daalde met -12,7 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de stijging van niet-cash financiële kosten met betrekking tot personeelsbeloningen IAS 19 als gevolg van de daling van de discontovoeten, de interesten op de leningen en de obligatie en de eerste toepassing van IFRS 16.
De genormaliseerde belastinguitgaven daalden in vergelijking met vorig jaar, voornamelijk ingevolge de lagere winst vóór belastingen.
De genormaliseerde IFRS nettowinst van de Groep bedroeg 123,7 miljoen EUR. De BGAAP nettowinst van het moederbedrijf bedroeg 100,2 miljoen EUR.
| Totaal van het jaar | 2de kwartaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR (Genormaliseerd) |
Totaal bedrijfs opbrengst en |
EBIT | Marge (%) |
Totaal bedrijfs opbrengst en |
EBIT | Marge (%) |
| Mail & Retail | 1.048,9 | 167,4 | 16,0% | 521,4 | 74,8 | 14,4% |
| Parcels & Logistics Europa & Azië | 398,2 | 41,6 | 10,4% | 201,4 | 23,6 | 11,7% |
| Parcels & Logistics Noord Amerika |
467,6 | (8,3) | -1,8% | 239,0 | (0,5) | -0,2% |
| Corporate | 201,0 | 2,7 | 1,3% | 114,8 | 9,6 | 8,4% |
| Eliminaties | (273,2) | - | (141,0) | - | ||
| Groep | 1.842,5 | 203,3 | 11,0% | 935,7 | 107,5 | 11,5% |
De evolutie van de EBIT bijdrage van de verschillende business units was als volgt:
| Mail & Retail | Totaal van het jaar | 2de kwartaal | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | ∆ % | 2018 | 2019 | ∆ % |
| Externe bedrijfsopbrengsten | 989,2 | 965,9 | -2,4% | 492,0 | 479,4 | -2,6% |
| Transactional mail | 398,6 | 382,7 | -4,0% | 199,0 | 187,3 | -5,8% |
| Advertising mail | 123,5 | 121,1 | -2,0% | 60,1 | 60,2 | 0,2% |
| Press | 177,2 | 174,4 | -1,6% | 88,5 | 86,5 | -2,3% |
| Proximity and convenience retail network | 237,8 | 235,3 | -1,1% | 117,8 | 118,3 | 0,4% |
| Value added services | 52,1 | 52,4 | 0,4% | 26,6 | 27,1 | 1,7% |
| Intersegment bedrijfsopbrengsten | 78,7 | 83,0 | 5,5% | 39,0 | 42,0 | 7,7% |
| TOTAAL BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 1.067,9 | 1.048,9 | -1,8% | 531,0 | 521,4 | -1,8% |
| Bedrijfskosten | 847,8 | 840,9 | -0,8% | 425,1 | 426,8 | 0,4% |
| EBITDA | 220,2 | 208,0 | -5,5% | 105,9 | 94,6 | -10,7% |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 22,0 | 42,3 | 92,3% | 12,8 | 20,9 | 63,2% |
| BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT gerapporteerd) |
198,2 | 165,7 | -16,4% | 93,0 | 73,7 | -20,8% |
| Marge (%) | 18,6% | 15,8% | 17,5% | 14,1% | ||
| BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT genormaliseerd) |
199,5 | 167,4 | -16,1% | 93,7 | 74,8 | -20,1% |
| Marge (%) | 18,7% | 16,0% | 17,6% | 14,4% | ||
| CAPEX | 16,6 | 10,0 | -40% | 11,5 | 6,4 | -45% |
| Gemiddelde VTE & uitzendkrachten | 21.783 | 21.958 | 0,8% | 21.798 | 22.052 | 1,2% |
Tweede kwartaal 2019
De externe bedrijfsopbrengsten bedroegen in het tweede kwartaal van 2019 479,4 miljoen EUR en vertoonden een daling van -12,6 miljoen EUR of -2,6% in vergelijking met dezelfde periode van 2018.
Inkomsten uit Domestic Mail (d.w.z. Transactional Mail, Advertising Mail en Press gecombineerd) daalden met -13,5 miljoen EUR tot 344,0 miljoen EUR. De onderliggende volume-3daling bedroeg - 9,4%. Transactional Mail liet een onderliggende volumedaling van -11,1% optekenen, ingevolge een moeilijke vergelijkingsbasis met specifieke mailings in het tweede kwartaal van 2018 (MIFID en GDPR) en de voortgezette trend van het eerste kwartaal: een doorgedreven "push" naar digitaal, het feit dat de ontvangers meer openstaan voor e-documenten en aanhoudende volumeverliezen bij KMO's ingevolge digitalisering. Advertising Mail liet voor het kwartaal een onderliggende volume3-daling optekenen van -5,6%. De verbetering van de trend in Direct Mail en het feit dat er verkiezingen werden gehouden, met een positieve impact op de totale Domestic Mail volumes van 1,2% of 3,7 miljoen EUR, werden tenietgedaan door de achteruitgang ingevolge de fasering van sommige ongeadresseerde campagnes. Het volume3 Press daalde op een onderliggende basis met -6,7% ingevolge e-substitutie en rationalisering.
De totale daling van het Domestic Mail-volume beïnvloedde de inkomsten met -28,1 miljoen EUR, samen met de impact van werkdagen (-0,2 miljoen EUR), deze daling werd slechts gedeeltelijk gecompenseerd door de nettoverbetering in prijs en mix, ten belope van 11,1 miljoen EUR, en de impact van de verkiezingen (3,7 miljoen EUR).
3 De nieuwe scope binnen deze business unit omvat de persinkomsten uit de persdistributie van Ubiway en is exclusief outbound mail. De bedrijfsopbrengsten van 2018 werden herberekend, maar niet alle vergelijkbare KPI's voor 2018 (voor het kwartaal en YTD) zijn beschikbaar.
| Mail & Retail | Totaal van het jaar |
2de kwartaal |
|---|---|---|
| Onderliggende volume evolutie Mail | 2019 | 2019 |
| Domestic mail | -9,3% | -9,4% |
| Transactional mail | -10,5% | -11,1% |
| Advertising mail | -6,7% | -5,6% |
| Press | -8,0% | -6,7% |
Het proximity and convenience-retailnetwork steeg met 0,4 miljoen EUR tot 118,3 miljoen EUR. Deze stijging was voornamelijk toe te schrijven aan de toename van Ubiway Retail en filatelie (MyStamp), gedeeltelijk tenietgedaan door de daling van de retail-inkomsten van bpost. Bankinkomsten stagneren in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar, ingevolge hogere commissies van bpost bank op beleggingsfondsen en hypotheekleningen, tenietgedaan door de inkomstendaling van spaarrekeningen.
In het tweede kwartaal van 2019 bedroegen Value Added Services 27,1 miljoen EUR en vertoonden ze een lichte stijging van 0,4 miljoen EUR. De stijging ingevolge verkoop van data werd gedeeltelijk tenietgedaan door lagere inkomsten uit documentbeheer.
Ingevolge de initiële toepassing van IFRS 16 daalden huur en huurkosten met 10,2 miljoen EUR en stegen de afschrijvingen en waardeverminderingen met -9,7 miljoen EUR.
In het tweede kwartaal van 2019 bedroeg de gerapporteerde EBIT 73,7 miljoen EUR met een marge van 14,1% en vertoonde ze een daling van -19,4 miljoen EUR in vergelijking met dezelfde periode van 2018. In het tweede kwartaal van 2019 bedroeg de genormaliseerde EBIT 74,8 miljoen EUR met een marge van 14,4% en vertoonde ze een daling van -18,9 miljoen EUR in vergelijking met dezelfde periode van 2018. De daling van de EBIT was voornamelijk toe te schrijven aan een daling van de totale bedrijfsopbrengsten (-9,6 miljoen EUR) en hogere totale bedrijfskosten (inclusief afschrijvingen en waardeverminderingen) (-9,7 miljoen EUR). De stijging van de totale bedrijfskosten (inclusief afschrijvingen en waardeverminderingen) was voornamelijk toe te schrijven aan hogere loonkosten die resulteerden uit de CAO 2019-2020 en loonindexering, slechts gedeeltelijk gecompenseerd door een gunstige evolutie van de VTE-mix.
De externe bedrijfsopbrengsten daalden met -23,4 miljoen EUR, of -2,4%, van 989,2 miljoen EUR in het eerste semester van 2018 tot 965,9 miljoen EUR in dezelfde periode van 2019.
De inkomsten uit Domestic Mail (d.w.z. Transactional, Advertising en Press gecombineerd) bedroegen 678,2 miljoen EUR in het eerste semester van 2019, een organische daling van - 21,1 miljoen EUR tegenover vorig jaar, ingevolge een onderliggende volumedaling van -56,8 miljoen EUR (-9,3%), gedeeltelijk gecompenseerd door de impact van verkiezingen (+3,7 miljoen EUR) en een prijs/mixverbetering van 33,6 miljoen EUR ingevolge de prijsverhoging van zes maanden voor de kleingebruikerspakketten vanaf 1 januari 2019, versus 4 maanden in het eerste semester van 2018 met een prijsverhoging vanaf 1 maart 2018.
Het proximity and convenience-retailnetwork in combinatie met Value Added Services bedroeg 287,7 miljoen EUR, d.i. een daling van -2,3 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de lagere inkomsten uit bank en financiën in het eerste kwartaal, ingevolge lagere commissies van bpost bank op spaaren zichtrekeningen, die het gevolg waren van lage rentevoeten en de daling van de retailinkomsten van bpost, gedeeltelijk gecompenseerd door de stijging van de inkomsten van Ubiway Retail.
Ingevolge de initiële toepassing van IFRS 16 daalden huur en huurkosten met 21,0 miljoen EUR en stegen de afschrijvingen en waardeverminderingen met -19,9 miljoen EUR.
De gerapporteerde EBIT en de genormaliseerde EBIT vertoonden een daling van respectievelijk -32,5 miljoen EUR en -32,0 miljoen EUR, ingevolge een daling van de totale bedrijfsopbrengsten (-19,0 miljoen EUR) en een nettostijging van de bedrijfskosten exclusief afschrijvingen en waardeverminderingen (-14,1 miljoen EUR, exclusief impact IFRS 16).
| Parcels & Logistics Europa & Azië | Totaal van het jaar | 2de kwartaal | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | ∆ % | 2018 | 2019 | ∆ % |
| Externe bedrijfsopbrengsten | 362,2 | 388,2 | 7,2% | 184,7 | 196,5 | 6,4% |
| Parcels BeNe | 160,1 | 178,4 | 11,4% | 81,4 | 91,0 | 11,8% |
| E-commerce logistics | 58,7 | 60,2 | 2,5% | 30,6 | 29,4 | -4,0% |
| Cross-border | 143,4 | 149,6 | 4,3% | 72,7 | 76,1 | 4,7% |
| Intersegment bedrijfsopbrengsten | 10,9 | 10,0 | -8,1% | 6,1 | 4,9 | -18,7% |
| TOTAAL BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 373,1 | 398,2 | 6,7% | 190,8 | 201,4 | 5,6% |
| Bedrijfskosten | 349,8 | 348,3 | -0,4% | 180,8 | 173,6 | -4,0% |
| EBITDA | 23,4 | 49,9 | - | 10,0 | 27,9 | - |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 7,4 | 11,2 | 51,4% | 4,1 | 5,5 | 35,2% |
| BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT gerapporteerd) |
15,9 | 38,7 | - | 5,9 | 22,3 | - |
| Marge (%) | 4,3% | 9,7% | 3,1% | 11,1% | ||
| BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT genormaliseerd) |
19,0 | 41,6 | - | 7,6 | 23,6 | - |
| Marge (%) | 5,1% | 10,4% | 4,0% | 11,7% | ||
| CAPEX | 1,9 | 5,7 | - | 1,6 | 2,6 | 69,0% |
| Gemiddelde VTE & uitzendkrachten | 2.933 | 3.141 | 7,1% | 2.985 | 3.153 | 5,6% |
In het tweede kwartaal van 2019 bedroegen de externe bedrijfsopbrengsten 196,5 miljoen EUR en vertoonden ze een stijging van 11,8 miljoen EUR of 6,4% in vergelijking met dezelfde periode van 2018.
Parcels BeNe steeg met 9,6 miljoen EUR tot 91,0 miljoen EUR ingevolge de consequente organische volume4groei van pakjes met 17,7% (vroegere Domestic Parcels gecombineerd met DynaLogicvolumes). De stijging was toe te schrijven aan de groei van de e-commerce en een goede volumeontwikkeling bij Dynalogic, gedeeltelijk tenietgedaan door afnemende C2C-volumes. Prijsverhogingen werden ruimschoots tenietgedaan door mixeffect, wat leidde tot een negatief, maar verbeterd prijs- /mixeffect.
| Parcels & Logistics Europa & Azië | Totaal van het jaar 2019 |
2de kwartaal 2019 |
|---|---|---|
| Parcels volumegroei | +17,3% | +17,7% |
In het tweede kwartaal van 2019 was e-commerce logistics goed voor 29,4 miljoen EUR, d.i. een daling van -1,2 miljoen EUR in vergelijking met dezelfde periode van 2018, voornamelijk ingevolge de inkomstendaling bij DynaFix, gedeeltelijk gecompenseerd door de organische groei bij Active Ants.
Cross-border steeg met 3,4 miljoen EUR tot 76,1 miljoen EUR ingevolge hogere inkomsten uit inbound (positieve fasering afrekening van eindkosten van 2,2 miljoen EUR) en hogere inkomsten uit pakjes uit het VK en Azië, gedeeltelijk tenietgedaan door lagere inkomsten uit pakjes uit de rest van Europa.
4 De nieuwe scope binnen deze business unit omvat in Parcels BeNe volumes de voormalige Domestic Parcels evenals Dynalogic volumes. De bedrijfsopbrengsten van 2018 werden herberekend, maar niet alle vergelijkbare KPI's voor 2018 (voor het kwartaal en YTD) zijn beschikbaar.
Ingevolge de initiële toepassing van IFRS 16 daalden huur en huurkosten met 2,1 miljoen EUR en stegen de genormaliseerde afschrijvingen en waardeverminderingen met -2,1 miljoen EUR.
In het tweede kwartaal van 2019 bedroeg de gerapporteerde EBIT 22,3 miljoen EUR met een marge van 11,1% en vertoonde ze een stijging van +16,5 miljoen EUR in vergelijking met dezelfde periode van 2018. In het tweede kwartaal van 2019 bedroeg de genormaliseerde EBIT 23,6 miljoen EUR met een marge van 11,7% en vertoonde ze een stijging van 16,0 miljoen EUR in vergelijking met dezelfde periode van 2018. De stijging van de EBIT was voornamelijk het gevolg van de hogere totale bedrijfsopbrengsten (+10,6 miljoen EUR) en van lagere totale bedrijfskosten (+5,2 miljoen EUR, exclusief de impact van IFRS 16), ingevolge het sluiten van niet-winstgevende bedrijven, fasering van sommige kosten naar het tweede semester van het jaar en gunstige afrekeningen van eindkosten waardoor de transportkosten met 1,9 miljoen EUR afnamen. De gerapporteerde en genormaliseerde waardeverminderingen en afschrijvingen, exclusief de impact van IFRS 16, daalden met respectievelijk 0,7 miljoen EUR en 0,2 miljoen EUR.
De externe bedrijfsopbrengsten stegen met 26,0 miljoen EUR, of 7,2%, van 362,2 miljoen EUR in het eerste semester van 2018 tot 388,2 miljoen EUR in dezelfde periode van 2019.
Parcels BeNe bedroeg EUR 178,4 miljoen EUR in het eerste semester van 2019, d.i. een stijging van 18,3 miljoen EUR ten opzichte van vorig jaar, voornamelijk ingevolge een organische groei van de pakjes van 17,3% en een positieve ontwikkeling van de volumes bij Dynalogic.
E-commerce logistics bedroeg 60,2 miljoen EUR, d.i. een stijging van 1,5 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de integratie van Active Ants vanaf 1 april 2018, gedeeltelijk tenietgedaan door de inkomstendaling bij DynaFix.
Cross-border steeg met 6,2 miljoen EUR tot 149,6 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge positieve afrekeningen van eindkosten (2,2 miljoen EUR) en hogere inkomsten uit pakjes uit het VK, gedeeltelijk tenietgedaan door de rest van Europa.
Ingevolge de initiële toepassing van IFRS 16 daalden huur en huurkosten met 4,2 miljoen EUR en stegen de afschrijvingen en waardeverminderingen met -4,0 miljoen EUR.
De gerapporteerde EBIT en de genormaliseerde EBIT vertoonden een stijging van respectievelijk 22,7 miljoen EUR en 22,6 miljoen EUR. De gestegen EBIT was voornamelijk het gevolg van de hogere totale bedrijfsopbrengsten (25,1 miljoen EUR), gedeeltelijk tenietgedaan door de geringe stijging van de bedrijfskosten (-2,8 miljoen EUR, exclusief de impact van IFRS 16), ingevolge operationele hefboomeffecten van groei, het sluiten van niet-winstgevende bedrijven en gunstige afrekeningen van eindkosten die een positieve impact hadden op de transportkosten (voor 1,9 miljoen EUR) en de fasering van sommige kosten naar het tweede semester van het jaar.
| Parcels & Logistics Noord-Amerika | Totaal van het jaar | 2de kwartaal | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | ∆ % | 2018 | 2019 | ∆ % |
| Externe bedrijfsopbrengsten | 489,1 | 465,1 | -4,9% | 249,1 | 238,0 | -4,5% |
| E-commerce logistics | 446,8 | 420,1 | -6,0% | 226,2 | 215,6 | -4,7% |
| International mail | 42,3 | 45,0 | 6,3% | 23,0 | 22,3 | -2,7% |
| Intersegment bedrijfsopbrengsten | 2,9 | 2,5 | -15,3% | 1,7 | 1,1 | -36,9% |
| TOTAAL BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 492,0 | 467,6 | -5,0% | 250,8 | 239,0 | -4,7% |
| Bedrijfskosten | 473,2 | 449,2 | -5,1% | 241,4 | 226,5 | -6,2% |
| EBITDA | 18,8 | 18,4 | -1,8% | 9,4 | 12,6 | 33,8% |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 24,7 | 33,2 | 34,8% | 11,2 | 16,4 | 45,6% |
| BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT gerapporteerd) |
(5,9) | (14,8) | - | (1,9) | (3,8) | - |
| Marge (%) | -1,2% | -3,2% | -0,7% | -1,6% | ||
| BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT genormaliseerd) |
1,4 | (8,3) | - | 1,2 | (0,5) | - |
| Marge (%) | 0,3% | -1,8% | 0,5% | -0,2% | ||
| CAPEX | 9,6 | 12,6 | 31% | 4,6 | 8,3 | 82% |
| Gemiddelde VTE & uitzendkrachten | 8.228 | 7.168 | -12,9% | 8.039 | 6.986 | -13,1% |
In het tweede kwartaal van 2019 bedroegen de externe bedrijfsopbrengsten 238,0 miljoen EUR en vertoonden ze een daling van -11,2 miljoen EUR of -4,5% (-9,7% bij constante wisselkoers5) in vergelijking met dezelfde periode van 2018.
Zoals verwacht daalde de e-commerce logistics met -10,5 miljoen EUR tot 215,6 miljoen EUR, dit wordt voornamelijk verklaard door de daling van Radial Noord-Amerika, als gevolg van de aanhoudende impact van het klantenverloop opgetekend in 2018 en tariefherzieningen. Investeringen in groei leidden tot zeer hoge totale contractwaarde in fulfilment die in het tweede kwartaal van 2019 bij Radial Noord-Amerika werden ondertekend en de pijplijn ziet er goed uit voor de rest van het jaar, ook bij andere diensten.
| Radial Noord-Amerika (*) | Totaal van het jaar | 2de kwartaal | ||
|---|---|---|---|---|
| In miljoen USD (Genormaliseerd) | 2018 | 2019 | 2018 | 2019 |
| Totaal bedrijfsopbrengsten | 447,4 | 386,4 | 221,8 | 199,2 |
| EBITDA | 10,9 | 5,4 | 5,0 | 7,3 |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | (8,9) | (20,1) | (4,3) | (4,9) |
(*) Prestaties business unit performance uitgedrukt in USD van de geconsolideerde Radial entiteiten aangehouden door bpost North America Holdings Inc.
International Mail daalde lichtjes met -0,6 miljoen EUR en bedroeg 22,3 miljoen EUR.
Ingevolge de initiële toepassing van IFRS 16 daalden huur en huurkosten met 7,7 miljoen EUR en stegen de genormaliseerde afschrijvingen en waardeverminderingen met -7,2 miljoen EUR.
In het tweede kwartaal van 2019 bedroeg de gerapporteerde EBIT -3,8 miljoen EUR met een marge van -1,6% en vertoonde ze een daling van -1,9 miljoen EUR in vergelijking met dezelfde periode van 2018. In het tweede kwartaal van 2019 bedroeg de genormaliseerde EBIT -0,5 miljoen EUR met
5 Constante Wisselkoers: De gerapporteerde cijfers in de lokale munteenheid van de vorige vergelijkbare periode worden omgezet met de wisselkoersen die worden toegepast voor de huidige gerapporteerde periode.
een marge van -0,2% en vertoonde ze een daling van -1,7 miljoen EUR in vergelijking met dezelfde periode van 2018. De daling van de EBIT was voornamelijk toe te schrijven aan de dalende totale bedrijfsopbrengsten (-11,8 miljoen EUR), of -4,7% (-9,9% bij constante wisselkoers), gedeeltelijk gecompenseerd door lagere bedrijfskosten (7,2 miljoen EUR, exclusief de impact van IFRS 16) en lagere afschrijvingen en waardeverminderingen (exclusief IFRS 16, 2,1 miljoen EUR gerapporteerd en 2,3 miljoen EUR genormaliseerd), ingevolge lagere vaste kosten, voornamelijk loonkosten en medische uitgaven, een verbeterde productiviteit op het vlak van fulfilment en verminderde terugvorderingen met betrekking tot fraude bij PT&F.
De externe bedrijfsopbrengsten daalden met -24,0 miljoen EUR, of -4,9% (-11,0% bij constante wisselkoers), van 489,1 miljoen EUR in het eerste semester van 2018 tot 465,1 miljoen EUR in dezelfde periode van 2019.
In het eerste semester van 2019 bedroeg de e-commerce logistics 420,1 miljoen EUR, d.i. een daling van -26,6 miljoen EUR tegenover vorig jaar, voornamelijk ingevolge de daling van Radial Noord-Amerika ingevolge de aanhoudende impact van het klantenverloop opgetekend in 2018 en tariefherzieningen.
International Mail bedroeg 45,0 miljoen EUR, d.i. een stijging met 2,7 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de timing van de overname van IMEX en M.A.I.L. in januari 2018.
Ingevolge de initiële toepassing van IFRS 16 daalden huur en huurkosten met 13,8 miljoen EUR en stegen de afschrijvingen en waardeverminderingen met -12,9 miljoen EUR.
De gerapporteerde EBIT en de genormaliseerde EBIT vertoonden een daling van respectievelijk -8,9 miljoen EUR -9,7 miljoen EUR, ingevolge de daling van de totale bedrijfsopbrengsten (- 24,4 miljoen EUR), gedeeltelijk gecompenseerd door de nettodaling van de gerapporteerde totale bedrijfskosten (10,3 miljoen EUR, exclusief de impact van IFRS 16) en afschrijvingen en waardeverminderingen (exclusief de impact van IFRS 16, 4,3 miljoen EUR gerapporteerd en 3,5 miljoen EUR genormaliseerd).
| Corporate | Totaal van het jaar | 2de kwartaal | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | ∆ % | 2018 | 2019 | ∆ % |
| Externe bedrijfsopbrengsten | 4,3 | 23,3 | - | 2,5 | 21,8 | - |
| Intersegment bedrijfsopbrengsten | 184,7 | 177,8 | -3,7% | 92,1 | 93,0 | 1,0% |
| TOTAAL BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 189,0 | 201,0 | 6,4% | 94,6 | 114,8 | 21,4% |
| Bedrijfskosten | 165,5 | 164,5 | -0,6% | 77,2 | 88,1 | 14,1% |
| EBITDA | 23,4 | 36,5 | 55,7% | 17,3 | 26,7 | 54,1% |
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | 22,7 | 33,8 | 48,9% | 11,5 | 17,1 | 48,5% |
| BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT gerapporteerd) |
0,7 | 2,7 | - | 5,8 | 9,6 | 65,1% |
| Marge (%) | 0,4% | 1,3% | 6,2% | 8,4% | ||
| BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT genormaliseerd) |
0,7 | 2,7 | - | 5,8 | 9,6 | 65,1% |
| Marge (%) | 0,4% | 1,3% | 6,2% | 8,4% | ||
| CAPEX | 11,4 | 13,2 | 16% | 7,4 | 8,5 | 15% |
| Gemiddelde VTE & uitzendkrachten | 1.766 | 1.634 | -7,5% | 1.766 | 1.629 | -7,8% |
In het tweede kwartaal van 2019 stegen de externe bedrijfsopbrengsten met 19,3 miljoen EUR tot 21,8 miljoen EUR. Deze stijging was voornamelijk toe te schrijven aan de verkoop van het Muntcentrum-gebouw. De totale cashopbrengsten uit de verkoop bedroegen 56,1 miljoen EUR, terwijl de winst uit de verkoop 19,9 miljoen EUR bedroeg.
Ingevolge de initiële toepassing van IFRS 16 daalden huur en huurkosten met 6,5 miljoen EUR en stegen de genormaliseerde afschrijvingen en waardeverminderingen met -6,7 miljoen EUR.
De winst uit de verkoop van het Muntcentrum-gebouw werd voornamelijk tenietgedaan door de terugname vorig jaar van een voorziening (-14,9 miljoen EUR), dientengevolge vertoonden de gerapporteerde EBIT en de genormaliseerde EBIT een stijging van 3,8 miljoen EUR.
In vergelijking met vorig jaar stegen de externe bedrijfsopbrengsten met 19,0 miljoen EUR ingevolge de verkoop van het Muntcentrum-gebouw.
Ingevolge de initiële toepassing van IFRS 16 daalden huur en huurkosten met 13,1 miljoen EUR en stegen de genormaliseerde afschrijvingen en waardeverminderingen met -13,0 miljoen EUR.
De gerapporteerde EBIT en de genormaliseerde EBIT vertoonden een stijging van 1,9 miljoen EUR, aangezien de verkoop van het Muntcentrum-gebouw gedeeltelijk werd tenietgedaan door de terugname vorig jaar van een voorziening.
| Totaal van het jaar | 2de kwartaal | |||
|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | 2018 | 2019 |
| Netto kasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 168,3 | 174,9 | (61,6) | (27,3) |
| Netto kasstroom uit investeringsactiviteiten | (95,6) | 15,7 | (17,0) | 31,8 |
| Netto kasstroom uit financieringsactiviteiten | (56,8) | (104,9) | (52,8) | (60,8) |
| Netto toename van geldmiddelen en kasequivalenten |
15,9 | 85,7 | (131,5) | (56,3) |
| Vrije kasstroom | 72,7 | 190,6 | (78,6) | 4,5 |
In het tweede kwartaal van 2019 steeg de nettokasstroom in vergelijking met dezelfde periode van vorig jaar met 75,2 miljoen EUR, tot -56,3 miljoen EUR.
De vrije kasstroom bedroeg 4,5 miljoen EUR en was 83,1 miljoen EUR hoger dan vorig jaar.
De kasstroom uit bedrijfsactiviteiten steeg met 34,3 miljoen EUR tot -27,3 miljoen EUR, terwijl de impact van de initiële toepassing van IFRS 16 +24,4 miljoen EUR bedroeg. Exclusief deze overheveling naar financieringsactiviteiten, de lagere voorafbetaling van belastingen (+9,0 miljoen EUR) en de voor de klant geïnde opbrengsten van Radial (-15,1 miljoen EUR), dan daalden de bedrijfsresultaten met 22,6 miljoen EUR en werden gecompenseerd door een positieve evolutie van de wijziging van het werkkapitaal (+38,7 miljoen EUR). Dit laatste werd voornamelijk verklaard door een positieve evolutie van saldi van leveranciers en aan de loonkosten gerelateerde voorzieningen, gedeeltelijk tenietgedaan door een negatieve fasering in de betaling van socialezekerheidslasten in het tweede kwartaal van 2019.
De investeringsactiviteiten resulteerden in een kasinstroom van 31,8 miljoen EUR in het tweede kwartaal van 2019, tegenover -17,0 miljoen EUR voor dezelfde periode vorig jaar. De evolutie was voornamelijk toe te schrijven aan de verkoop van het Muntcentrum-gebouw (+56,1 miljoen EUR).
De kasuitstroom met betrekking tot financieringsactiviteiten bedroeg 60,8 miljoen EUR, of 7,9 miljoen EUR meer dan in dezelfde periode vorig jaar. De stijging was voornamelijk te verklaren door netto-uitstromen gerelateerd aan betalingen van leasingschulden (waarvan -24,4 miljoen EUR ingevolge de toepassing van IFRS 16), gedeeltelijk gecompenseerd door uitgifte van handelspapieren (+15,1 miljoen EUR).
In het eerste semester van 2019 steeg de nettokasstroom in vergelijking met dezelfde periode van vorig jaar met 69,8 miljoen EUR, tot 85,7 miljoen EUR.
De vrije kasstroom bedroeg 190,6 miljoen EUR en lag 117,9 miljoen EUR hoger dan vorig jaar.
De kasstroom uit bedrijfsactiviteiten steeg met 6,6 miljoen EUR tot 174,9 miljoen EUR, terwijl de impact van de initiële toepassing van IFRS 16 +49,1 miljoen EUR bedroeg. Exclusief deze overheveling naar financieringsactiviteiten, de lagere voorafbetaling van belastingen (+9,0 miljoen EUR) en de voor de klant geïnde opbrengsten van Radial (-4,7 miljoen EUR), dan daalden de bedrijfsresultaten met 44,5 miljoen EUR, samen met een negatieve evolutie van de wijziging van het werkkapitaal (- 2,3 miljoen EUR).
De investeringsactiviteiten resulteerden in een kasinstroom van 15,7 miljoen EUR in het eerste semester van 2019, tegenover -95,6 miljoen EUR voor dezelfde periode vorig jaar. De evolutie was voornamelijk toe te schrijven aan lagere kasuitstromen gerelateerd aan de overname van dochterbedrijven (+60,9 miljoen EUR), met belangrijke investeringen in het eerste semester van
2018, en de hogere opbrengsten uit de verkoop van gebouwen (52,4 miljoen EUR, wat voornamelijk wordt verklaard door de verkoop van het Muntcentrum-gebouw in het eerste semester van 2019), gedeeltelijk tenietgedaan door hogere kapitaaluitgaven (-2,0 miljoen EUR).
De kasuitstroom met betrekking tot financieringsactiviteiten bedroeg 104,9 miljoen EUR, of 48,2 miljoen EUR meer dan in dezelfde periode vorig jaar. De stijging was voornamelijk te verklaren door netto-uitstromen gerelateerd aan betalingen van leasingschulden (waarvan -49,1 miljoen EUR ingevolge de toepassing van IFRS 16).
| 08.08.19 (10.00 CET) | Telefonische vergadering met de analisten |
|---|---|
| 07.10.19 | Begin stille periode voorafgaand aan de Q3/2019 resultaten |
| 06.11.19 (17.45 CET) | Financiële resultaten Q3/2019 |
| 07.11.19 (10.00 CET) | Telefonische vergadering met de analisten |
| 02.12.19 (17.45 CET) | Aankondiging interim dividend 2019 |
| 05.12.19 | Ex-dividend datum (interim dividend) |
| 06.12.19 | Registratiedatum (interim dividend) |
| 09.12.19 | Uitbetalingdatum van het interimdividend |
Voorafgaande opmerking: In het derde kwartaal van 2018 werd de toewijzing van de aankoopprijs van Radial afgerond, dit resulteerde in een aantal reële waardecorrecties mbt de vorige kwartalen van 2018. Bijgevolg leidde dit tot een herziening van de 2018 cijfers die in het eerste en het tweede kwartaal van 2018 werden gerapporteerd in het segment Parcels & Logistics Noord-Amerika en Parcels & Logistics Europa & Azië. In vergelijking met de cijfers gerapporteerd in het tweede kwartaal van vorig jaar zijn de bedrijfskosten (excl. afschrijvingen) 2,2 miljoen EUR lager en de afschrijvingen 0,5 miljoen EUR lager, vandaar dat het resultaat van het kwartaal 2,6 miljoen EUR hoger is. In vergelijking met het totaal van het jaar gerapporteerd vorig jaar zijn de totale bedrijfsopbrengsten 0,3 miljoen EUR hoger, de bedrijfskosten (excl. afschrijvingen) 4,9 miljoen EUR lager en de afschrijvingen 1,3 miljoen EUR hoger, vandaar dat het resultaat per 30 juni 2018 3,9 miljoen EUR hoger is dan vorig jaar gerapporteerd voor dezelfde periode.
| Totaal van het jaar 30 juni |
2de kwartaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljeon EUR | TOELIC HTING |
2018 | 2019 | 2018 | 2019 | |
| Omzet | 6 | 1.830,7 | 1.807,4 | 920,6 | 908,3 | |
| Overige bedrijfsopbrengsten | 14,1 | 35,1 | 7,8 | 27,3 | ||
| TOTAAL BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 1.844,9 | 1.842,5 | 928,4 | 935,7 | ||
| Materiaalkost | (124,5) | (120,8) | (62,3) | (62,2) | ||
| Diensten en diverse goederen | 7 | (704,9) | (660,0) | (374,5) | (335,0) | |
| Personeelskosten | (731,4) | (742,7) | (366,7) | (371,7) | ||
| Overige bedrijfskosten | 1,6 | (6,1) | 17,6 | (5,0) | ||
| Afschrijvingen en waardeverminderingen | (76,8) | (120,6) | (39,6) | (59,9) | ||
| TOTAAL BEDRIJFSKOSTEN | (1.635,9) | (1.650,3) | (825,5) | (833,8) | ||
| BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT) | 208,9 | 192,2 | 102,9 | 101,8 | ||
| Financiële opbrengsten | 3,5 | 2,1 | 1,3 | 0,7 | ||
| Financiële kosten | (13,1) | (24,4) | (8,0) | (15,5) | ||
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen |
1,3 | 4,3 | 5,1 | 5,7 | ||
| RESULTAAT UIT GEWONE BEDRIJFSUITVOERING |
200,6 | 174,2 | 101,3 | 92,7 | ||
| Belastingen | (68,8) | (60,6) | (33,2) | (29,3) | ||
| NETTORESULTAAT VAN DE PERIODE (EAT) |
131,8 | 113,5 | 68,1 | 63,4 | ||
| Toerekenbaar aan: | ||||||
| Aandeelhouders van bpost | 133,1 | 113,5 | 69,2 | 63,3 | ||
| Minderheidsbelangen | (1,3) | 0,0 | (1,1) | 0,1 |
6 De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met IAS 34 Tussentijdse Financiële Rapportering
| Totaal van het jaar 30 juni |
2de kwartaal | |||
|---|---|---|---|---|
| In EUR | 2018 | 2019 | 2018 | 2019 |
| ► gewone winst van het jaar, toe te rekenen aan de houders van gewone aandelen van de moederschappij |
0,67 | 0,57 | 0,35 | 0,32 |
| ► verwaterde winst van het jaar, toe te rekenen aan houders van gewone aandelen van de moedermaatschappij |
0,67 | 0,57 | 0,35 | 0,32 |
Overeenkomstig IAS 33 dient de verwaterde winst per aandeel berekend te worden door het nettoresultaat toerekenbaar aan de houders van gewone aandelen van de moedermaatschappij (na aanpassing van de effecten van alle potentiële verwaterde gewone aandelen) te delen door het gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen tijdens het jaar, vermeerderd met het gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen dat zou worden uitgegeven bij een omzetting van alle aandelenopties in gewone aandelen.
In het geval van bpost is er geen effect van verwatering op het netto resultaat toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen en op het gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen.
| Totaal van het jaar 30 juni |
2de kwartaal | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | 2018 | 2019 | |
| NETTORESULTAAT VAN DE PERIODE | 131,8 | 113,5 | 68,1 | 63,4 | |
| NIET GEREALISEERDE RESULTATEN | |||||
| Niet gerealiseerde resultaten die geherklasseerd worden naar de resultatenrekening in volgende periodes (na belastingen): |
|||||
| Wijzigingen van niet gerealiseerde resultaten van geassocieerde deelnemingen |
(13,1) | (7,3) | (4,8) | (4,0) | |
| Netto winst / (verlies) op de afdekking van een netto-investering | (3,4) | (0,8) | (6,6) | 1,6 | |
| Netto winst / (verlies) op kasstroomafdekkingen | (14,1) | 0,9 | (14,1) | 0,4 | |
| Wisselkoersverschillen uit omrekening van buitenlandse activiteiten | 18,1 | 13,2 | 37,4 | (10,1) | |
| NETTO NIET GEREALISEERDE WINST/(VERLIES) DIE GEHERKLASSEERD WORDT NAAR DE RESULTATENREKENING IN VOLGENDE PERIODES |
(12,6) | 6,0 | 11,9 | (12,1) | |
| Niet gerealiseerde resultaten die niet geherklasseerd worden naar de resultatenrekening in volgende periodes (na belastingen): |
|||||
| Herwaarderings winsten / (verliezen) op toegezegde pensioenregeling |
0,5 | 1,0 | 0,5 | 1,0 | |
| NETTO NIET GEREALISEERDE WINST/(VERLIES) DIE NIET GEHERKLASSEERD WORDT NAAR DE RESULTATENREKENING IN VOLGENDE PERIODES |
0,5 | 1,0 | 0,5 | 1,0 | |
| NIET-GEREALISEERDE WINST/(VERLIES) NA BELASTINGEN | (12,1) | 7,0 | 12,4 | (11,1) | |
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET-GEREALISEERDE RESULTATEN NA BELASTINGEN |
119,7 | 120,5 | 80,5 | 52,3 | |
| Toerekenbaar aan: | |||||
| Aandeelhouders van bpost | 121,0 | 120,5 | 81,6 | 52,2 | |
| Minderheidsbelangen | (1,3) | 0,0 | (1,1) | 0,1 |
| Per 31 december |
Per 30 juni | ||
|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | TOELICH | 2018 | 2019 |
| Activa | TING | ||
| Vaste activa | |||
| Materiële vaste activa | 8 | 708,0 | 1.090,4 |
| Immateriële vaste activa | 9 | 874,9 | 878,1 |
| Investeringen in geassocieerde deelnemingen | 10 | 251,2 | 248,2 |
| Vastgoedbeleggingen | 18,7 | 5,3 | |
| Uitgestelde belastingsvorderingen | 31,5 | 22,8 | |
| Handels- en overige vorderingen | 11,2 | 12,8 | |
| Vlottende activa | 1.895,7 | 2.257,5 | |
| Voorraden | 36,9 | 34,9 | |
| Te ontvangen belastingen | 5,7 | 7,5 | |
| Handels- en overige vorderingen | 11 | 712,0 | 538,9 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 12 | 680,1 | 770,2 |
| 1.434,7 | 1.351,5 | ||
| Activa aangehouden voor verkoop | 14,7 | 10,2 | |
| TOTAAL ACTIVA | 3.345,1 | 3.619,3 | |
| Eigen vermogen en passiva | |||
| Geplaatst kapitaal | 364,0 | 364,0 | |
| Reserves | 271,4 | 264,9 | |
| Omrekeningsverschillen | 12,7 | 25,1 | |
| Overgedragen resultaat | 51,6 | 113,5 | |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan de eigenaars van de | |||
| moedermaatschappij | 699,7 | 767,6 | |
| Eigen vermogen toerekenbaar aan minderheidsbelangen | 2,5 | 2,7 | |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN | 702,3 | 770,3 | |
| Langlopende verplichtingen | |||
| Rentedragende verplichtingen en leningen | 13 | 849,1 | 1.170,9 |
| Personeelsbeloningen | 14 | 308,4 | 311,6 |
| Handels- en overige schulden Voorzieningen |
17,5 22,6 |
17,8 20,7 |
|
| Uitgestelde belastingsverplichtingen | 7,3 | 7,4 | |
| 1.204,8 | 1.528,5 | ||
| Kortlopende verplichtingen Rentedragende verplichtingen en leningen |
15 | 175,7 | 283,5 |
| Bankvoorschotten in rekening-courant | 0,0 | 8,1 | |
| Voorzieningen | 16,8 | 15,1 | |
| Te betalen belastingen | 21,4 | 0,7 | |
| Derivaten | 17 | 0,8 | 0,6 |
| Handels- en overige schulden | 16 | 1.212,5 | 1.007,9 |
| 1.427,3 | 1.316,0 | ||
| Verplichtingen direct verbonden met activa aangehouden voor verkoop |
10,8 | 4,5 | |
| TOTAAL PASSIVA | 2.642,9 | 2.849,0 | |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN PASSIVA | 3.345,1 | 3.619,3 |
EIGEN VERMOGEN TOEREKENBAAR AAN DE EIGENAARS VAN DE MOEDERMAATSCHAPPIJ
| In miljoen EUR | TOEGELATEN KAPITAAL / GEPLAATST KAPITAAL |
EIGEN AANDELEN | RESERVES OVERIGE |
MREKENINGSVER SCHILLEN O |
OVERGEDRAGEN RESULTAAT |
TOTAAL | MINDERHEIDSBE LANGEN |
TOTAAL EIGEN MOGEN VER |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| PER 1 JANUARI 2018 | 364,0 | (0,0) | 310,1 | (11,5) | 110,9 | 773,5 | 4,3 | 777,8 |
| Impact IFRS 9 op bpost bank | (59,9) | (59,9) | (59,9) | |||||
| PER 1 JANUARI 2018 (herzien) | 364,0 | (0,0) | 250,2 | (11,5) | 110,9 | 713,6 | 4,3 | 717,9 |
| Resultaat van het jaar 2018 | 133,1 | 133,1 | (1,3) | 131,8 | ||||
| Niet-gerealiseerde resultaten | 84,2 | 14,7 | (110,9) | (12,1) | (12,1) | |||
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET GEREALISEERDE RESULTATEN |
364,0 | (0,0) | 84,2 | 14,7 | 22,1 | 121,0 | (1,3) | 119,7 |
| Dividenden (betaling) | (50,0) | 0,0 | (50,0) | 0,0 | (50,0) | |||
| Andere | (0,4) | (1,3) | (1,7) | 1,3 | (0,4) | |||
| PER 30 JUNI 2018 | 364,0 | (0,0) | 284,0 | 3,2 | 131,7 | 782,9 | 4,3 | 787,2 |
| PER 1 JANUARI 2019 | 364,0 | (0,0) | 271,4 | 12,7 | 51,6 | 699,7 | 2,5 | 702,3 |
| Resultaat van het jaar 2019 | 113,5 | 113,5 | 0,0 | 113,5 | ||||
| Niet-gerealiseerde resultaten | 46,2 | 12,4 | (51,6) | 7,0 | 7,0 | |||
| TOTAAL VAN DE GEREALISEERDE EN NIET GEREALISEERDE RESULTATEN |
0,0 | 0,0 | 46,2 | 12,4 | 61,9 | 120,5 | 0,0 | 120,5 |
| Dividenden (betaling) | (50,0) | 0,0 | (50,0) | 0,0 | (50,0) | |||
| Andere | (2,7) | 0,0 | (2,7) | 0,2 | (2,5) | |||
| PER 30 JUNI 2019 | 364,0 | (0,0) | 264,9 | 25,1 | 113,5 | 767,6 | 2,7 | 770,3 |
Het eigen vermogen steeg met 68,0 miljoen EUR, of 9,7%, tot 770,3 miljoen EUR per 30 juni 2019, van 702,3 miljoen EUR per 31 december 2018. De gerealiseerde winst (113,5 miljoen EUR), de wisselkoersverschillen op de omrekening van buitenlandse verrichtingen (12,4 miljoen EUR), het effectieve deel van een kasstroomafdekking aangegaan om het kasstroomrisico van de obligatie (0,9 miljoen EUR) af te dekken en de netto actuariële verliezen op de beloningen na uitdiensttreding (1,0 miljoen EUR) werden onder andere gecompenseerd door de aanpassing van de reële waarde betreffende de obligatieportefeuille van bpost bank (7,3 miljoen EUR) en de uitkering van een dividend (50,0 miljoen EUR). Deze kasstroomafdekkingsreserve zal worden opgenomen in de resultatenrekening over de 8 jaar na de uitgiftedatum van de obligatie.
| Totaal van het jaar 30 juni |
2de kwartaal | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | 2018 | 2019 | |
| Operationele activiteiten | |||||
| Resultaat voor belastingen | 200,6 | 174,2 | 101,3 | 92,7 | |
| Afschrijvingen | 76,8 | 120,6 | 39,6 | 59,9 | |
| Dubieuze debiteuren | 5,4 | 1,0 | 1,4 | 0,4 | |
| Winst op de realisatie van materiële vaste activa | (1,3) | (20,6) | (1,1) | (20,6) | |
| Andere niet in geldmiddelen afgewikkelde elementen | 3,3 | 10,7 | 2,6 | 5,5 | |
| Wijziging in personeelsbeloningen | 6,9 | 4,7 | 7,5 | 5,7 | |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen | (1,3) | (4,3) | (5,1) | (5,7) | |
| Ontvangen dividenden | 0,0 | 0,0 | 0,0 | 0,0 | |
| Betaalde belastingen | (67,2) | (58,6) | (64,1) | (55,7) | |
| Betaalde belastingen m.b.t. voorgaande jaren | (11,8) | (13,8) | 0,0 | 0,0 | |
| BEDRIJFSKASSTROOM VOOR WIJZIGING IN BEDRIJFSKAPITAAL EN VOORZIENINGEN |
211,4 | 213,9 | 82,1 | 82,1 | |
| Afname / (toename) van handels- en overige vorderingen | 77,2 | 170,8 | (104,6) | 10,5 | |
| Afname / (toename) in voorraden | (0,5) | 4,0 | (2,0) | 1,2 | |
| Toename / (afname) van handels- en overige schulden | (86,4) | (186,9) | (26,1) | (105,7) | |
| Toename / (afname) van geïnde opbrengsten voor klanten | (18,6) | (23,3) | 1,1 | (14,0) | |
| Toename / (afname) van voorzieningen | (14,9) | (3,6) | (12,2) | (1,5) | |
| NETTO KASSTROOM UIT BEDRIJFSACTIVITEITEN | 168,3 | 174,9 | (61,6) | (27,3) | |
| Investeringsactiviteiten | |||||
| Ontvangsten uit de verkoop van materiële vaste activa | 5,3 | 57,7 | 5,1 | 57,6 | |
| Verwerving van materiële vaste activa | (34,2) | (30,1) | (21,8) | (20,7) | |
| Verwerving van immateriële activa | (5,8) | (11,4) | (3,2) | (5,2) | |
| Verwerving van overige investeringen | 0,5 | 0,0 | (0,0) | 0,0 | |
| Verwerving van dochterondernemingen, na aftrek van verworven liquide middelen |
(61,4) | (0,5) | 3,0 | (0,0) | |
| NETTO KASSTROOM UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN | (95,6) | 15,7 | (17,0) | 31,8 | |
| Financieringsactiviteiten | |||||
| Opbrengsten van leningen en schulden leasing | 0,0 | 335,3 | 0,0 | 165,1 | |
| Aflossingen van leningen en schulden leasing | (6,5) | (390,2) | (2,8) | (175,8) | |
| Betalingen in het kader van derivaten | 0,0 | 0,0 | 0,0 | 0,0 | |
| Transacties met minderheidsbelangen | (0,3) | (0,0) | 0,0 | (0,0) | |
| Dividenden uitbetaald | (50,0) | (50,0) | (50,0) | (50,0) | |
| NETTO KASSTROOM UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN | (56,8) | (104,9) | (52,8) | (60,8) | |
| NETTO TOENAME VAN GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN |
15,9 | 85,7 | (131,5) | (56,3) | |
| NETTO IMPACT WISSELKOERSVERSCHILLEN | 6,7 | (3,7) | 8,3 | (6,0) | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten min bankvoorschotten in rekening-courant per 1 januari |
466,0 | 680,1 | |||
| Geldmiddelen en kasequivalenten min bankvoorschotten in rekening-courant per 30 juni |
488,6 | 762,1 | |||
| BEWEGINGEN TUSSEN 1 JANUARI EN 30 JUNI | 22,6 | 82,0 |
De tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële staten van bpost voor de eerste zes maanden eindigend op 30 juni 2019 werden goedgekeurd voor uitgifte overeenkomstig het besluit van de Raad van Bestuur van 7 augustus 2019.
bpost NV en haar dochterondernemingen (hierna "bpost" genoemd) leveren nationale en internationale post- en pakjesdiensten, die bestaan uit de ophaling, het transport, de sortering en de uitreiking van geadresseerde en ongeadresseerde poststukken, drukwerk, dagbladen en pakjes.
Via haar dochterondernemingen en business units verkoopt bpost NV ook een waaier andere producten en diensten, waaronder post-, pakjes-, bank- en financiële producten, e-commerce logistiek, express leveringsdiensten, diensten met betrekking tot proximity en convience, documentbeheer en aanverwante activiteiten. bpost voert eveneens namens de Belgische overheid Diensten van Algemeen Economisch Belang ("DAEB") uit.
bpost NV is een naamloze vennootschap naar publiek recht. bpost heeft haar maatschappelijke zetel in het Muntcentrum, 1000 Brussel. Aandelen bpost zijn genoteerd op de NYSE-Euronext Brussels sinds 21 juni 2013 (kenletter BPOST).
Deze tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële staten zijn door de statutaire auditor nagezien (zie verklaring van beperkt nazicht).
De tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële staten voor de zes maanden eindigend op 30 juni 2019, zijn opgesteld in overeenstemming met IAS 34 Tussentijdse Financiële Rapportering.
De tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële staten bevatten niet alle informatie en toelichtingen zoals vereist in de jaarrekening en dient te worden gelezen in combinatie met de jaarrekening van bpost op 31 december 2018.
De boekhoudregels die toegepast werden voor de tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening zijn consistent met diegene die gebruikt zijn bij het opstellen van de jaarrekening van bpost voor het jaar eindigend op 31 december 2018, met uitzondering van de invoering van nieuwe standaarden en interpretaties die vanaf 1 januari 2019 in voege zijn.
bpost heeft voor de eerste maal in het eerste kwartaal van 2019 IFRS 16 Leasing toegepast zoals vereist door IAS 34 zijn hieronder de aard en de gevolgen van deze wijzigingen vermeld.
Met uitzondering van IFRS 16 Leasing, hebben de hierna vermelde nieuwe of gewijzigde boekhoudstandaarden die in werking zijn getreden vanaf 1 januari 2019 geen effect op de presentatie, de financiële prestaties of de balans van bpost:
IFRS 9 - Wijzigingen Kenmerken vooruitbetalingen met negatieve compensatie
IAS 28 - Wijzigingen Lange termijn belangen in geassocieerde deelnemingen en joint ventures
Vanaf 1 januari 2019 vervangt IFRS 16 IAS 17 Leaseovereenkomsten, IFRIC 4 Vaststelling of een overeenkomst een leaseovereenkomst bevat, SIC-15 Operationele Leases-Incentives en SIC-27 Evaluatie van de Economische Realiteit van Transacties in de Juridische Vorm van een
Leaseovereenkomst. IFRS 16 bepaalt de principes voor de erkenning, de waardering, de presentatie en de vermeldingen van leasing en vereist dat huurders alle huurcontracten in de boekhouding opnemen volgens een "single on-balance sheet"-model.
De boekhoudkundige verwerking voor de verhuurder onder IFRS 16 is in wezen niet gewijzigd ten opzichte van IAS 17. Verhuurders zullen leases blijven classificeren als ofwel operationele ofwel financiële leases, waarbij gelijkaardige principes worden gebruikt als onder IAS 17. Daarom had IFRS 16 geen impact voor leases waarbij bpost de verhuurder is.
bpost heeft IFRS 16 toegepast vanaf 1 januari 2019 en gebruikte daarbij de gewijzigde retrospectieve methode met een berekening op de datum van de initiële toepassing, vandaar dat de cijfers met betrekking tot vorige jaren niet zullen worden aangepast. Op de begindatum koos bpost ervoor om gebruik te maken van:
Het effect van de toepassing van IFRS 16 op 1 januari 2019 (stijging/(daling)) is als volgt:
| In miljoen EUR | |
|---|---|
| Activa | |
| Recht van gebruik activa | 434,6 |
| Activa mbt leases voorheen geclassificeerd als financiële leases | (16,8) |
| Totaal activa | 417,8 |
| Verplichtingen | |
| Langlopende rentedragende verplichtingen en leningen | 353,9 |
| Langlopende verplichtingen met betrekking tot leases voorheen geclassificeerd als financiële leases |
(16,7) |
| Kortlopende rentedragende verplichtingen en leningen | 82,2 |
| Kortlopende verplichtingen met betrekking tot leases voorheen geclassificeerd als financiële leases |
(1,6) |
| Totaal verplichtingen | 417,8 |
Op basis van wat voorafgaat, worden er activa met een gebruiksrecht ten belope van 434,6 miljoen EUR erkent vanaf 1 januari 2019 en apart voorgesteld in de balans. Dit omvat de activa voorheen erkent als financiële leases ten belope van 16,8 miljoen EUR.
De lease verplichtingen per 1 januari 2019 worden als volgt gereconcileerd met de operationele lease verplichtingen per 31 december 2018:
| In miljoen EUR | |
|---|---|
| Operationele lease verplichtingen per 31 december 2018 | 461,3 |
| Gewogen gemiddelde marginale rentevoet per 1 januari 2019 | 2,1% |
| Verdisconteerde operationele lease verplichtingen per 1 januari 2019 | 417,8 |
| Toevoegen: | |
| Operationele lease verplichtingen voorheen geclassificeerd als financiële leases | 18,3 |
| Verplichtingen | |
| Langlopende rentedragende verplichtingen en leningen | 337,2 |
| Kortlopende rentedragende verplichtingen en leningen | 80,7 |
| Toevoegen: | |
| Verplichtingen voorheen geclassificeerd als financiële leases | 18,3 |
| Totaal verplichtingen | 436,1 |
Een lease is een overeenkomst waarbij het recht om een actief te gebruiken (het geleasde actief) wordt verleend voor een overeengekomen periode in ruil voor een vergoeding.
Tot 31 december 2018 werd een leaseovereenkomst gedefinieerd als een overeenkomst waarbij de verhuurder, de huurder het recht verleent om een actief voor een bepaalde periode te gebruiken in ruil voor een betaling of een aantal betalingen. In overeenstemming met IAS 17, indien de lease nagenoeg alle aan de eigendom verbonden risico's en voordelen overdroeg aan de huurder, werd het contract als een financiële lease beschouwd en werd het als een actief en een verplichting opgenomen voor bedragen gelijk aan de contante waarde van de minimale lease betalingen (= som van kapitaal en rentedelen opgenomen in de leasebetalingen) of, indien lager, de reële waarde van de geleasde activa. Wanneer het contract daarentegen niet alle risico's en voordelen die inherent zijn aan de eigendom aan bpost overdraagt, werd de leaseovereenkomst beschouwd als operationele lease en werden huurcontracten die op grond van het contract werden betaald als kost opgenomen in de resultatenrekening.
Vanaf 1 januari 2019 erkent bpost als huurder op basis van de contante waarde, activa voor het recht van gebruik en verplichtingen voor betalingsverplichtingen aangegaan voor alle leaseovereenkomsten op de balans, als volgt:
De kost van het recht van gebruik activa omvatten het bedrag van de erkende leasingschulden en leasebetalingen die werden uitgevoerd op of voor de aanvangsdatum min eventuele ontvangen leaseincentives. De met een gebruiksrecht overeenstemmende activa worden lineair afgeschreven over ofwel hun nuttige levensduur ofwel de leasetermijn (nl. de kortste periode van beide). Met een gebruiksrecht overeenstemmende activa zijn onderworpen aan waardevermindering.
De leasebetalingen omvatten vaste betalingen (met inbegrip van in wezen vaste betalingen) min eventuele te ontvangen lease incentives, variabele leasebetalingen die afhangen van een index of een tarief en bedragen waarvan verwacht wordt dat ze worden betaald onder restwaardegaranties. Er dient te worden opgemerkt dat niet-terugvorderbare BTW niet bij leasebetalingen is opgenomen en nog steeds wordt geboekt in de resultatenrekening. De leasebetalingen omvatten ook de uitoefenprijs van een aankoopoptie waarvan het redelijk zeker is dat bpost deze optie zal uitoefenen. Gelijkaardig kunnen de betalingen van boetes voor het beëindigen van een lease, weerspiegeld worden in de leasebetalingen evenals in de leasetermijn indien de termijn van de huur de uitoefening door bpost van de optie om te beëindigen weerspiegelt. De variabele leasebetalingen die niet afhangen van een index of een tarief worden erkend als uitgave in de periode waarin de gebeurtenis of voorwaarde die aanleiding geeft tot de betaling zich voordoet.
Bij het berekenen van de huidige waarde van leasebetalingen maakt bpost gebruik van de marginale rentevoet op de aanvangsdatum van de lease indien de in de lease vervatte rentevoet niet expliciet vermeld is. Na de aanvangsdatum wordt het bedrag van de leasingschulden verhoogd om de aangroei van de rente te weerspiegelen en verminderd voor de uitgevoerde leasebetalingen. Daarnaast wordt de boekwaarde van leasingschulden herzien als er een wijziging is, een verandering in de leasetermijn, een verandering in de in wezen vaste leasebetalingen of een verandering in de beoordeling om het onderliggende actief aan te kopen.
bpost paste de vrijstelling toe voor uitgaven voor leases van activa met een lage waarde, namelijk voor leases met een waarde van minder dan 5.000 euro, voornamelijk voor ICT-items zoals printers.
Hieronder uiteengezet de boekwaarde van het recht van gebruik activa en de huurverplichtingen per 30 juni 2019:
| Totaal van het jaar | |
|---|---|
| In miljoen EUR | 2019 |
| Activa | |
| Terreinen en gebouwen | 387,0 |
| Machines en uitrusting | 3,9 |
| Rollend materieel | 46,9 |
| Overig materieel | 0,5 |
| Totaal | 438,3 |
| Verplichtingen | |
| Langlopende leaseverplichtingen | 337,9 |
| Kortlopende leaseverplichtingen | 109,1 |
| Totaal | 447,1 |
De volgende nieuwe IFRS-standaarden en IFRIC-interpretaties, goedgekeurd maar nog niet van kracht of die nog verplicht moeten worden, werden niet toegepast door bpost in het opstellen van de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële staten.
| Standaard of interpretatie | Effectief voor de rapportering die begint op of na |
|---|---|
| IFRS 3 - Wijzigingen – Definitie van een business (*) | 1 januari 2020 |
| IAS 1 and IAS 8 – Wijzigingen - Definitie van materieel (*) | 1 januari 2020 |
| Conceptuele kader voor financiële verslaggeving | 1 januari 2021 |
| IFRS 17 - Verzekeringscontracten (*) | 1 januari 2021 |
(*) Nog niet bekrachtigd door de EU op de datum van dit rapport
bpost heeft geen enkele standaard, interpretatie of wijziging, die uitgegeven maar nog niet in voege was, vroeger aangenomen.
De inkomsten en winsten van bpost worden geïmpacteerd door een aantal seizoensgebonden schommelingen.
Op grond van het 6de beheerscontract is bpost de verlener van bepaalde DAEB. Het gaat onder meer over het behoud van een uitgebreid retailnetwerk en diensten zoals de betaling aan huis van pensioenen en het uitvoeren van financiële postdiensten. Overeenkomstig het engagement van de Belgische Staat ten aanzien van de Europese Commissie, maakt de verdeling van kranten en tijdschriften niet langer deel uit van het beheerscontract. Met betrekking tot dit laatste besliste de Belgische Staat na een publieke marktbevraging om het contract voor de uitreiking van kranten en tijdschriften toe te kennen aan bpost. De vergoeding voor de DAEB is gebaseerd op een Netto Vermeden Kost ("NAC", Net Avoided Cost) methodologie en wordt gelijk verdeeld over de vier kwartalen. Deze methodologie bepaalt dat de vergoeding wordt gebaseerd op het verschil in nettokost tussen het al dan niet dragen van de kosten voor de DAEB. De vergoeding voor de uitreiking van kranten en tijdschriften bestaat uit een forfaitair bedrag (gelijk verdeeld over de vier kwartalen) en een bedrag dat varieert naargelang de uitgereikte volumes. Deze vergoeding is onderworpen aan een ex post-berekening op basis van de evolutie van de kostenbasis van bpost. Gedurende het jaar worden er berekeningen uitgevoerd voor de DAEB en de uitreiking van kranten en tijdschriften om ervoor te zorgen dat de vergoeding in lijn is met de opgenomen bedragen.
De piekperiode, die begint vanaf december in Europa en rond Thanksgiving in de VS, heeft een positief effect op de verkoop van Parcels BeNe en E-commerce logistics. Voor Radial Noord-Amerika dat deel uitmaakt van de business unit Parcels en Logistics Noord-Amerika, een toonaangevende leverancier van geïntegreerde logistiekoplossingen in de VS voor de e-commerce en "omnichannel"-technologie, is het vierde kwartaal traditioneel gezien het kwartaal met de hoogste inkomsten en winsten.
Op 15 maart 2019 ondertekende Ubiway, een dochterbedrijf van bpost, een aandelenkoopovereenkomst met Conway voor de verkoop van Alvadis, een bedrijf van de Ubiwaygroep. Ten tijde van de opstart van het verkoopproces (in december 2018) werd Alvadis overgeheveld naar voor verkoop aangehouden activa, Alvadis zal gedeconsolideerd worden als de transactie is afgerond, nl. zodra de Belgische Mededingingsautoriteit haar goedkeuring heeft verleend.
In maart 2018 verwierf bpost 63,6% van de aandelen van de Nederlandse bedrijven Anthill BV, dat 100% van de aandelen van Active Ants BV in handen heeft. Active Ants biedt e-fulfilment- en transportdiensten aan bedrijven die actief zijn in e-commerce. Active Ants biedt opslagdiensten, voert de pick&pack-activiteiten uit en verzendt de producten. Anthill dient enkel als een holdingmaatschappij. bpost verwierf 50% van de aandelen voor een bedrag van 4,3 miljoen EUR en voerde een kapitaalverhoging door van 3,0 miljoen EUR om nog eens 13,6% van de aandelen te verkrijgen. Daarnaast voorziet de overeenkomst een voorwaardelijke vergoeding die tot 0,8 miljoen EUR kan bedragen op basis van de EBITDA in 2018 en een call en put constructie voor de overige aandelen (36,4%). De variabele uitoefenprijs van de put (op basis van de EBITDA) werd erkend als een financiële verplichting voor een bedrag van 4,5 miljoen EUR, veranderingen mbt deze financiële verplichting worden in de resultenrekening genomen. Gegeven de put optie werd het bedrijf geconsolideerd binnen het operationele segment PaLo Eurasia volgens de volledige-integratiemethode vanaf maart 2018 (met eerste cijfers opgenomen vanaf 1 april 2018 en 4 maanden in het vierde
kwartaal van 2018), als gevolg wordt de bedrijfscombinatie voorgesteld alsof bpost 100% van de aandelen van Anthill BV bezit. Transactie kosten werden opgenomen in de bedrijfskosten in 2018.
| Reële waarde van de activa en schulden overgenomen van de aangekochte entiteiten |
In miljoen EUR |
|---|---|
| Vaste activa | 8,8 |
| Materiële vaste activa | 4,5 |
| Immateriële vaste activa | 4,3 |
| Vlottende activa | 5,3 |
| Voorraden | 0,1 |
| Handels- en overige vorderingen | 1,9 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 3,3 |
| Langlopende verplichtingen | (2,1) |
| Rentedragende verplichtingen en leningen | (1,1) |
| Uitgestelde belastingsverplichtingen | (1,0) |
| Kortlopende verplichtingen | (5,8) |
| Rentedragende verplichtingen en leningen | (3,6) |
| Handels- en overige schulden | (2,1) |
| Reële waarde van de netto aangekochte activa | 6,1 |
| Goodwill ontstaan bij verwerving | 6,4 |
| OVERGEDRAGEN AANKOOPVERGOEDING | 12,5 |
| waarvan: | |
|---|---|
| - Betaald bedrag | 7,3 |
| - Voorwaardelijke vergoedingsregeling | 5,2 |
| Analyse van de kasstroom met betrekking tot de verwerving | In miljoen EUR |
|---|---|
| Netto geldmiddelen verworven met de dochteronderneming | 3,3 |
| Betaald bedrag | (7,3) |
| NETTO KASUITSTROOM | (4,0) |
|---|---|
De reële waarde van de langlopende en kortlopende handelsvorderingen bedroeg 1,9 miljoen EUR en naar verwachting zullen de volledige contractuele bedragen kunnen worden geïnd.
De aanpassing van de reële waarde naar aanleiding van de toewijzing van de aankoopprijs bestond uit de erkenning van immateriële vaste activa: klantenrelaties (gebruiksduur 18 jaar), handelsnaam (gebruiksduur 10 jaar) en intern ontwikkelde technologie (gebruiksduur 5 jaar), respectievelijk voor een bedrag van 2,0 miljoen EUR, 0,6 miljoen EUR en 1,4 miljoen EUR.
In de eerste zes maanden van 2019 droegen Active Ants en Anthill 9,0 miljoen EUR bij aan de inkomsten en 0,3 miljoen EUR aan winst vóór belastingen uit voortgezette verrichtingen van de groep. In 2018 droegen Active Ants en Anthill 12,9 miljoen EUR aan inkomsten bij en 0,6 miljoen EUR aan winst vóór belastingen uit voortgezette verrichtingen van de groep.
De resulterende goodwill van 6,4 miljoen EUR komt voort uit de toekomstige groei en verwachte synergiën met betrekking tot de fulfillment activiteiten gezien de gedifferentieerde technologie van Active Ants. Niets van de goodwill wordt verwacht aftrekbaar te zijn van de winstbelasting.
In maart 2019 betaalde Apple Express Courier, ltd 0,8 miljoen CAD (0,5 miljoen EUR) in uitvoering van de voorwaardelijke vergoedingsregeling. De reële waarde van de voorwaardelijke vergoeding werd erkend als een schuld. De betaling had geen impact op de oorspronkelijk berekende goodwill noch op het resultaat van het jaar. De resterende voorwaardelijke vergoeding, betaalbaar in 2019, wordt geplafonneerd op 0,8 miljoen CAD (o.m. gebaseerd op financiële resultaten).
Op 2 mei 2018 kondigde de Raad van Bestuur van bpost de transformatie van de structuur van bpost aan, om het bedrijf voor te bereiden op de toekomst met een effectieve ingang vanaf 1 januari 2019 en met een impact op de allocatie van de middelen en evaluatie van de prestaties. Aangezien bpost de CEO identificeerd als de hoogstgeplaatste functionaris van de entiteit die belangrijke operationele beslissingen neemt ("CODM") zijn de operationele segmenten gebasseerd op de informatie gerapporteerd aan de CEO volgens deze nieuwe structuur.
bpost werkt met drie business units en support units die diensten verlenen aan deze business units:
De business unit Mail & Retail ("M&R") staat in voor de commerciële activiteiten met betrekking tot Transactional Mail, Advertising Mail en Press en de operationele activiteiten m.b.t. de ophaling, het transport, de sortering en de uitreiking van geadresseerde en niet-geadresseerde post, afgedrukte documenten, kranten en tijdschriften in België en verleent deze operationele activiteiten voor pakjes aan andere business units van bpost. Daarnaast biedt M&R Value Added Services met inbegrip van documentbeheer en gerelateerde activiteiten, alsook proximity- en convenienceretail via haar retailnetwerk in België, dat bestaat uit postkantoren, postpunten en het retail-netwerk van Ubiway bestaande uit verschillende "branded" winkels. M&R verkoopt ook bancaire en financiële producten, als onderdeel van het proximity- en convenience-retailnetwerk, krachtens een agentschapsovereenkomst met bpost bank en AG Insurance. De business unit voert eveneens namens de Belgische Staat Diensten van Algemeen Economisch Belang (DAEB) uit.
De business unit Parcels & Logistics Europa & Azië ("PaLo Eurasia") staat in voor de commerciële en operationele activiteiten met betrekking tot "last mile delivery" en expressleveringen in BeNe, ecommercelogistics (fulfillment, handling, uitreiking en terugzendingsbeheer) en cross-border (inbound, outbound en importdiensten) voor pakjes in Europa en Azië en voor internationale post wereldwijd. De business unit exploiteert verschillende operationele centra in heel Europa, met inbegrip van een sorteercentrum (NBX) en verschillende pakjeshubs. DynaGroup, Radial en Landmark Globalentiteiten in Europa en Azië maken deel uit van deze business unit.
De business unit Parcels & Logistics Noord-Amerika ("PaLo N. Ame") staat in voor de commerciële en operationele activiteiten met betrekking tot e-commercelogistics (fulfillment, handling en uitreiking, terugzendingsbeheer, klantendienst en technologische meerwaardediensten) in Noord-Amerika en Australië en grensoverschrijdende pakjes en internationale post in Noord-Amerika. Radial Noord-Amerika en Landmark Global-entiteiten in Noord-Amerika maken deel uit van deze business unit.
Corporate- en Support-units ("Corporate") bestaan uit de drie ondersteunende units en de corporate unit. De ondersteunende units bieden als één enkele leverancier business-oplossingen aan de 3 business units en aan Corporate en omvatten Finance & Accounting, Human Resources & Service Operations, ICT & Digital. De Corporate-unit omvat Strategy, M&A, Legal, Regulatory en Corporate Secretary. De door de ondersteunende units gegenereerde EBIT wordt gealloceerd aan de 3 business units als OPEX, terwijl de afschrijvingen bij Corporate blijven. Door de ondersteunende units gegenereerde inkomsten, inclusief verkoop van gebouwen, worden gepresenteerd bij Corporate.
Er werden geen operationele segmenten samengevoegd om de hierboven vermelde te rapporteren segmenten te vormen.
Voor diensten en producten die worden aangeboden tussen wettelijke entiteiten geldt het "arm's length"-beginsel, terwijl de diensten en producten die worden aangeboden tussen business units van dezelfde wettelijke entiteit over het algemeen gebaseerd zijn op incrementele kosten. Diensten die worden verleend door service units aan business units van dezelfde wettelijke entiteit zijn gebaseerd op volledige kosten.
Aangezien corporate treasury, bpost bank en belastingen voor de groep centraal worden beheerd, worden het financieel nettoresultaat, de belastinguitgaven en het aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen enkel bekendgemaakt op het niveau van de groep.
bpost berekent zijn bedrijfsresultaat (EBIT) op segmentniveau en wordt consistent gemeten conform de boekhoudkundige richtlijnen m.b.t. de financiële staten (IFRS). Activa en passiva worden niet per segment aan de CODM gerapporteerd.
De onderstaande tabel toont de resultaten per segment, de resultaten van dezelfde periode vorig jaar zijn aangepast aan de nieuwe structuur:
| 2de kwartaal | M&R | PaLo Europa & Azië |
PaLo Noord-Amerika |
Corporate | Eliminaties | Groep | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2Q18 | 2Q19 | 2Q18 | 2Q19 | 2Q18 | 2Q19 | 2Q18 | 2Q19 | 2Q18 | 2Q19 | 2Q18 | 2Q19 |
| Externe bedrijfsop Brengsten |
492,0 | 479,4 | 184,7 | 196,5 | 249,1 | 238,0 | 2,5 | 21,8 | 928,4 | 935,7 | ||
| Interseg. bedrijfs opbrensten |
39,0 | 42,0 | 6,1 | 4,9 | 1,7 | 1,1 | 92,1 | 93,0 | (138,8) | (141,0) | 0,0 | 0,0 |
| TOTAAL BEDRIJFSOP BRENGSTEN |
531,0 | 521,4 | 190,8 | 201,4 | 250,8 | 239,0 | 94,6 | 114,8 | (138,8) | (141,0) | 928,4 | 935,7 |
| Bedrijfskosten | 425,1 | 426,8 | 180,8 | 173,6 | 241,4 | 226,5 | 77,2 | 88,1 | (138,8) | (141,0) | 785,8 | 773,9 |
| Afschrijvingen en waardevermind. |
12,8 | 20,9 | 4,1 | 5,5 | 11,2 | 16,4 | 11,5 | 17,1 | 39,6 | 59,9 | ||
| BEDRIJFS RESULTAAT (EBIT) |
93,0 | 73,7 | 5,9 | 22,3 | (1,9) | (3,8) | 5,8 | 9,6 | 0,0 | 0,0 | 102,9 | 101,8 |
| Aandeel ih result. geass. deelnem. |
5,1 | 5,7 | ||||||||||
| Financieel result. | (6,7) | (14,8) | ||||||||||
| Belastingen | (33,2) | (29,3) | ||||||||||
| NETTORESUL TAAT PERIODE (EAT) |
93,0 | 73,7 | 5,9 | 22,3 | (1,9) | (3,8) | 5,8 | 9,6 | 68,1 | 63,4 |
| Totaal van het jaar |
M&R | PaLo Europa & Azië |
PaLo Noord-Amerika |
Corporate | Eliminaties | Groep | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 1S18 | 1S19 | 1S18 | 1S19 | 1S18 | 1S19 | 1S18 | 1S19 | 1S18 | 1S19 | 1S18 | 1S19 |
| Bedrijfsop Brengsten |
989,2 | 965,9 | 362,2 | 388,2 | 489,1 | 465,1 | 4,3 | 23,3 | 1.844,9 | 1.842,5 | ||
| Interseg. bedrijfs opbrensten |
78,7 | 83,0 | 10,9 | 10,0 | 2,9 | 2,5 | 184,7 | 177,8 | (277,1) | (273,2) | 0,0 | 0,0 |
| TOTAAL BEDRIJFSOP BRENGSTEN |
1.067,9 | 1.048,9 | 373,1 | 398,2 | 492,0 | 467,6 | 189,0 | 201,0 | (277,1) | (273,2) | 1.844,9 | 1.842,5 |
| Bedrijfskosten | 847,8 | 840,9 | 349,8 | 348,3 | 473,2 | 449,2 | 165,5 | 164,5 | (277,1) | (273,2) | 1.559,1 | 1.529,7 |
| Afschrijvingen en waardevermind. |
22,0 | 42,3 | 7,4 | 11,2 | 24,7 | 33,2 | 22,7 | 33,8 | 76,8 | 120,6 | ||
| BEDRIJFS RESULTAAT (EBIT) |
198,2 | 165,7 | 15,9 | 38,7 | (5,9) | (14,8) | 0,7 | 2,7 | 0,0 | 0,0 | 208,9 | 192,2 |
| Aandeel ih result. geass. deelnem. |
1,3 | 4,3 | ||||||||||
| Financieel result. | (9,6) | (22,3) | ||||||||||
| Belastingen | (68,8) | (60,6) | ||||||||||
| NETTORESUL TAAT PERIODE (EAT) |
198,2 | 165,7 | 15,9 | 38,7 | (5,9) | (14,8) | 0,7 | 2,7 | 131,8 | 113,5 |
De tabellen hieronder geven een overzicht van de algemene informatie.
De totale bedrijfsopbrengsten (exclusief bedrijfsopbrengsten tussen segmenten), inkomsten en andere bedrijfsopbrengsten, worden op dezelfde basis gewaardeerd als de boekhoudkundige richtlijnen m.b.t. de financiële staten (IFRS) en de prestaties van de business units. Overige bedrijfsopbrengsten worden toegewezen aan verschillende posten, maar voornamelijk aan Corporate & Supporting-functies aangezien deze post enkel overige bedrijfsopbrengsten omvat.
| Totaal van het jaar | 2de kwartaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | Evolutie % |
2018 | 2019 | |
| Mail & Retail | 989,2 | 965,9 | -2,4% | 492,0 | 479,4 | |
| Transactional mail | 398,6 | 382,7 | -4,0% | 199,0 | 187,3 | |
| Advertising mail | 123,5 | 121,1 | -2,0% | 60,1 | 60,2 | |
| Press | 177,2 | 174,4 | -1,6% | 88,5 | 86,5 | |
| Proximity and convenience retail network | 237,8 | 235,3 | -1,1% | 117,8 | 118,3 | |
| Value added services | 52,1 | 52,4 | 0,4% | 26,6 | 27,1 | |
| Parcels & Logistics Europe & Azië | 362,2 | 388,2 | 7,2% | 184,7 | 196,5 | |
| Parcels BeNe | 160,1 | 178,4 | 11,4% | 81,4 | 91,0 | |
| E-commerce logistics | 58,7 | 60,2 | 2,5% | 30,6 | 29,4 | |
| Cross border | 143,4 | 149,6 | 4,3% | 72,7 | 76,1 | |
| Parcels & Logistics Noord Amerika | 489,1 | 465,1 | -4,9% | 249,1 | 238,0 | |
| E-commerce logistics | 446,8 | 420,1 | -6,0% | 226,2 | 215,6 | |
| International mail | 42,3 | 45,0 | 6,3% | 23,0 | 22,3 | |
| Corporate & Supporting functions | 4,3 | 23,3 | 2,5 | 21,8 | ||
| TOTAAL | 1.844,9 | 1.842,5 | -0,1% | 928,4 | 935,7 |
De geografische opsplitsing van de totale bedrijfsopbrengsten (exclusief bedrijfsopbrengsten tussen segmenten) en de vaste activa worden toegewezen aan België, rest van Europa, Verenigde Staten van Amerika en de rest van de wereld. De toewijzing per geografische locatie is gebaseerd op de locatie van de entiteit die de opbrengsten genereert of die houder is van het nettoactief. Overige bedrijfsopbrengsten wordt toegekend aan verschillende posten.
| Totaal van het jaar | 2de kwartaal | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | Evolutie % |
2018 | 2019 |
| België | 1.236,6 | 1.250,4 | 1,1% | 616,6 | 633,9 |
| Rest van Europa | 112,5 | 121,2 | 7,7% | 59,1 | 60,2 |
| Verenigde Staten van Amerika | 468,5 | 445,1 | -5,0% | 238,7 | 227,7 |
| Rest van de wereld | 27,3 | 25,8 | -5,6% | 13,9 | 13,8 |
| TOTAAL BEDRIJFSOPBRENGSTEN | 1.844,9 | 1.842,5 | -0,1% | 928,4 | 935,7 |
| Per 31 december | Per 30 juni | ||
|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | Evolutie % |
| België | 703,4 | 932,0 | 32,5% |
| Rest van Europa | 143,2 | 168,2 | 17,5% |
| Verenigde Staten van Amerika | 735,1 | 839,9 | 14,3% |
| Rest van de wereld | 31,2 | 46,4 | 48,7% |
| TOTAAL VASTE ACTIVA | 1.612,9 | 1.986,6 | 23,2% |
De totale vaste activa bestaan uit materiële vaste activa, immateriële vaste activa, vastgoedbeleggingen en overige vorderingen (> 1 jaar).
Als we geen rekening houden met de vergoeding ontvangen van de Belgische federale overheid om de diensten zoals beschreven in het beheerscontract en de persconcessies te verlenen, opgenomen in het segment Mail en Retail, dan overschreed geen enkele externe klant 10% van de bedrijfsopbrengsten van bpost.
| Totaal van het jaar 30 juni |
2de kwartaal | |||
|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | 2018 | 2019 |
| Omzet exclusief de DAEB vergoeding | 1.696,1 | 1.670,4 | 853,7 | 840,6 |
| DAEB vergoeding | 134,7 | 136,9 | 66,9 | 67,8 |
| TOTAAL | 1.830,7 | 1.807,4 | 920,6 | 908,3 |
De tabel hieronder geeft een detail weer van de diensten en diverse goederen:
| Totaal van het jaar 30 juni |
2de kwartaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | Evolutie % |
2018 | 2018 | Evolutie % |
| Huur en huurkosten | 73,1 | 27,6 | -62,3% | 37,2 | 13,1 | -64,9% |
| Onderhoud en herstellingen | 54,0 | 57,4 | 6,1% | 27,4 | 29,5 | 7,9% |
| Levering van energie | 22,3 | 22,6 | 1,3% | 11,1 | 11,0 | -1,0% |
| Andere goederen | 16,5 | 16,8 | 1,9% | 9,3 | 9,3 | 0,1% |
| Post- en telecommunicatiekosten | 9,9 | 10,0 | 1,4% | 5,6 | 5,0 | -11,7% |
| Verzekeringskosten | 10,2 | 11,8 | 15,8% | 3,9 | 5,9 | 50,4% |
| Transportkosten | 309,6 | 303,7 | -1,9% | 160,8 | 153,9 | -4,3% |
| Reclame- en advertentiekosten | 11,7 | 11,4 | -1,8% | 6,0 | 6,2 | 3,0% |
| Consultancy | 13,3 | 19,3 | 45,5% | 7,8 | 12,8 | 65,1% |
| Uitzendarbeid | 71,8 | 64,0 | -10,8% | 35,1 | 31,4 | -10,6% |
| Vergoedingen aan derden, honoraria | 66,6 | 68,3 | 2,6% | 34,1 | 33,7 | -1,1% |
| Overige goederen en diensten | 46,1 | 47,1 | 2,3% | 36,3 | 23,3 | -35,8% |
| TOTAAL | 704,9 | 660,0 | -6,4% | 374,5 | 335,0 | -10,5% |
In het eerste semester van 2019 vertoonden diensten en diverse goederen een daling van 44,9 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge een daling van huur en huurkosten van 45,6 miljoen EUR. De daling van huur en huuruitgaven werd voornamelijk verklaard door de initiële toepassing van IFRS 16. In lijn met IFRS 16 verschoven de kosten van huur en huurkosten voor 52,1 miljoen EUR naar afschrijvingen voor 49,8 miljoen EUR en financiële kosten voor 4,4 miljoen EUR. De leases in scope zijn hoofdzakelijk gebouwen (opslagplaatsen en verkooppunten) en voertuigen.
De materiële vaste activa stegen met 382,4 miljoen EUR, hetzij 54,0%, tot 1.090,4 miljoen EUR per 30 juni 2019. De stijging werd voornamelijk verklaard door: de met een gebruiksrecht overeenstemmende activa voor 417,8 miljoen EUR erkend per 1 januari 2019, gelet op de initiële toepassing van IFRS 16, kapitaalsuitgaven van 30,1 miljoen EUR, de met een gebruiksrecht overeenstemmende activa voor 53,2 miljoen EUR erkend tijdens het eerste semester van 2019, en de evolutie van de wisselkoers, gedeeltelijk gecompenseerd door afschrijvingen voor 99,2 miljoen EUR (inclusief 49,8 miljoen EUR gerelateerd aan IFRS 16 met een gebruiksrecht overeenstemmende activa) en overhevelingen naar vastgoedbeleggingen en naar voor verkoop aangehouden activa (voornaamste impact komt van de verkoop van het Muntcentrum-gebouw dat in het eerste kwartaal werd overgeheveld naar voor verkoop aangehouden activa en dat in het tweede kwartaal werd verkocht met totale cashopbrengsten ten belope van 56,1 miljoen EUR en winst uit verkoop van 19,9 miljoen EUR). De activa mbt IFRS 16 zijn hoofdzakelijk leases gerelateerd aan gebouwen en voertuigen.
De immateriële vaste activa stegen met 3,2 miljoen EUR, hetzij 0,4%, tot 878,1 miljoen EUR per 30 juni 2019. De stijging was voornamelijk toe te schrijven aan de kapitaalsuitgaven van 11,4 miljoen EUR, de finalisatie van de toewijzing van de aankoopprijs van Anthill BV (stijging van 5,5 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de boeking van immateriële vaste activa) en de evolutie van de wisselkoers, gedeeltelijk gecompenseerd door de afschrijvingen voor 21,4 miljoen EUR.
Investeringen in geassocieerde deelnemingen daalden lichtjes met 3,0 miljoen EUR tot 248,2 miljoen EUR per 30 juni 2019. De stijging van het aandeel van bpost in de winst van bpost bank voor 4,3 miljoen EUR werd meer dan gecompenseerd door de daling van de niet-gerealiseerde winsten op de obligatieportefeuille ten bedrage van 7,3 miljoen EUR, opgenomen in de niet-gerealiseerde resultaten, hetgeen een daling van de onderliggende interestcurve reflecteert met 4 basis punten (bps) in vergelijking met 31 december 2018. Per 30 juni 2019 omvatten de investeringen in geassocieerde deelnemingen niet-gerealiseerde winsten inzake de obligatieportefeuille ten bedrage van 31,5 miljoen EUR, hetgeen overeenkwam met 12,7% van de totale investeringen in geassocieerde deelnemingen. De niet-gerealiseerde winsten werden gegenereerd door het lagere niveau van de rentevoeten tegenover de rente bij de aankoop van de obligaties. Niet-gerealiseerde winsten worden niet opgenomen in de resultatenrekeningen, maar worden direct verwerkt in eigen vermogen onder de niet gerealiseerde resultaten.
De kortlopende handelsvorderingen en overige vorderingen daalden met 173,1 miljoen EUR tot 538,9 miljoen EUR per 30 juni 2019. De daling was voornamelijk toe te schrijven aan de gebruikelijke vereffening van de DAEB-vordering gedurende het eerste kwartaal van het jaar en de piekperiode van de opbrengsten tijdens het jaareinde.
Geldmiddelen en kasequivalenten stegen met 90,1 miljoen EUR tot 770,2 miljoen EUR per 30 juni 2019. De verkoop van Muntcentrum gebouw werd gecompenseerd door de betaling van het dividend voor 50,0 miljoen EUR.
Langlopende rentedragende verplichtingen en leningen stegen met 321,8 miljoen EUR tot 1.170,9 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de initiële toepassing van IFRS 16.
| Per 31 December | Per 30 juni | |
|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 |
| Vergoedingen na uitdiensttreding | (32,8) | (30,6) |
| Langetermijnpersoneelsbeloningen | (113,5) | (117,0) |
| Ontslagvergoedingen | (8,5) | (8,6) |
| Andere langetermijnpersoneelsbeloningen | (153,5) | (155,4) |
| TOTAAL | (308,4) | (311,6) |
De personeelsbeloningen stegen met 3,2 miljoen EUR, hetzij 1,0%, tot 311,6 miljoen EUR per 30 juni 2019. De stijging weerspiegelt voornamelijk:
Kortlopende rentedragende verplichtingen en leningen stegen met 107.8 miljoen EUR tot 283,5 miljoen EUR, voornamelijk ingevolge de initiële toepassing van IFRS 16.
De handels- en overige schulden daalden met 204,6 miljoen EUR, tot 1.007,9 miljoen EUR per 30 juni 2019. Deze daling was toe te schrijven aan de afname van de handelsschulden met 157,4 miljoen EUR en de sociale lasten met 53,2 miljoen EUR, gedeeltelijk gecompenseerd door de stijging van de overige schulden met 6,0 miljoen EUR. De daling van de handelsschulden was voornamelijk een faseringselement gelet op de piekperiode op het einde van het jaar. De daling van de sociale lasten werd voornamelijk veroorzaakt door een tijdelijk verschil, aangezien de sociale lasten voor het volledige jaar 2018 (vakantiegeld, bonussen ...) werden betaald tijdens het eerste semester van 2019.
Onderstaande tabel bevat de hierarchie van de reële waardebepaling van de financiële vaste activa en passiva per 30 juni 2019 :
| Significante Significante Genoteerde andere niet Boek prijzen in In miljoen EUR waarneem waarneem waarde een actieve Per 30 juni 2019 bare bare markt parameters parameters (Niveau 1) (Niveau 2) (Niveau 3) Financiële activa gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs Langlopend Financiële activa 12,8 0,0 12,8 0,0 Kortlopend 1.309,1 0,0 1.309,1 Financiële activa 0,0 Totaal financiële activa 1.321,9 1.321,9 0,0 0,0 Financiële verplichtingen gewaardeerd aan geamortiseerde kostprijs (behalve derivaten) : Langlopend Lange termijn obligatie 641,9 673,9 0,0 0,0 Financiële verplichtingen 546,8 0,0 546,8 0,0 Kortlopend Derivaten – Valuta swaps (FX) 0,0 0,0 0,0 0,0 Derivaten – cross currency swap 0,0 0,0 0,0 0,0 Derivaten – Valuta termijn contracten 0,6 0,0 0,6 0,0 Financiële verplichtingen 1.299,5 0,0 1.299,5 0,0 Totaal financiële verplichtingen 2.488,8 673,9 1.846,9 0,0 |
Waarderingshiërarchie : | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
De reële waarde van de tegen geamortiseerde kostprijs gewaardeerde vaste en vlottende financiële activa en de tegen geamortiseerde kostprijs gewaardeerde langlopende en kortlopende financiële verplichtingen benaderen hun boekwaarde. Aangezien ze niet aan reële waarde worden gewaardeerd in de balans, moeten hun reële waarde niet bekendgemaakt worden. Tijdens de periode was er geen overdracht tussen niveaus van de reële waarde hiërachie en waren er geen wijzigingen in de toegepaste waarderingsmethodes en parameters.
bpost gebruikt valutatermijncontracten en deviezenswapcontracten om bepaalde blootstellingen in vreemde valuta te beheren. Deze contracten werden aangegaan om de wisselkoersrisico's gerelateerd aan de door bpost aan zijn dochterondernemingen toegekende intercompany leningen af te dekken. Op het einde van het tweede kwartaal van 2019 stonden er twee deviezenswaps en vijf valutatermijncontracten uit.
In februari 2018 ging bpost een rentetermijnswap aan met een looptijd van 10 jaar en een nominaal bedrag van 600,0 miljoen EUR. De transactie werd aangegaan ter afdekking van het rentevoetrisico op de beoogde uitgifte van een langetermijnobligatie om het overbruggingskrediet dat in november 2017 werd aangegaan voor de overname van Radial te herfinancieren.
In juli 2018 gaf bpost een obligatie van 650,0 miljoen EUR op 8 jaar uit. Op dat moment, werd de rentetermijnswap afgewikkeld en afgerekend via een betaling van 21,5 miljoen EUR opgedeeld tussen een effectief deel voor 20,0 miljoen EUR en een ineffectief deel voor 1,5 miljoen EUR. Het ineffectieve deel werd in de resultatenrekening opgenomen. Het effectieve deel van de kasstroomafdekking (20,0 miljoen EUR) werd in de niet-gerealiseerde resultaten (bedrag na belastingen is 14,8 miljoen EUR) opgenomen als kasstroomafdekkingsreserve. Deze kasstroomafdekking wordt over dezelfde periode opgenomen in de resultatenrekening als de langetermijnobligatie aangezien de kasstromen van de langetermijnobligatie de resultatenrekening vanaf haar uitgiftedatum gedurende 8 jaar zullen beïnvloeden. In 2019 werd een bedrag van 0,9 miljoen EUR opgenomen in de resultatenrekening.
In 2018 ging bpost een termijnlening in USD aan, met een looptijd van drie jaar met twee mogelijke verlengingen van telkens een jaar. bpost, met EUR als functionele munteenheid, ontleende USD, samen met de uitgifte van de obligatie, om de overname van Radial Holdings, LP in november 2017 te herfinancieren. bpost leende een gedeelte in USD om het risico op wisselkoersverliezen voor de buitenlandse verrichting te beperken, derhalve realiseerde bpost een nettoinvesteringsafdekking. Dientengevolge wordt het effectieve deel van veranderingen in de reële waarde van het afdekkingsinstrument opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten. Het notionele bedrag van de afdekking bedroeg 143,0 miljoen USD, terwijl de in EUR geconverteerde boekwaarde 127,3 miljoen EUR bedroeg. Op 30 juni 2019 bedroeg het nettoverlies op de herwaardering van de USD-lening die werd opgenomen bij niet-gerealiseerde resultaten en gecumuleerd in de valutaomrekeningsreserve 0,8 miljoen EUR. Er was geen afdekkingsineffectiviteit in 2019.
De voorwaardelijke activa en passiva zijn niet materieel gewijzigd ten opzichte van deze zoals beschreven in toelichting 6.32 van de geconsolideerde jaarrekening per 31 december 2018. Dit tussentijdse financieel verslag dient te worden gelezen in combinatie met de jaarrekening van bpost op 31 december 2018.
Na balansdatum zijn er geen belangrijke gebeurtenissen met invloed op de financiële positie waargenomen.
Verslag van het College van Commissarissen - Bedrijfsrevisoren aan de vennootschap bpost NV van publiek recht over de beoordeling van de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële staten voor de periode van zes maanden afgesloten per 30 juni 2019
Wij hebben de beoordeling uitgevoerd van de bijhorende tussentijdse financiële positie van het geconsolideerd geheel ("de balans") van bpost NV van publiek recht (de "Vennootschap") en haar dochterondernemingen (gezamenlijk de "Groep") per 30 juni 2019 nagekeken, alsmede van de bijhorende tussentijdse geconsolideerde resultatenrekening, het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, het geconsolideerde mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht voor de periode van zes maanden die op die datum is beëindigd, en de toelichtingen, gezamenlijk, de "Tussentijdse Verkorte Geconsolideerde Financiële Staten".
Het bestuursorgaan is verantwoordelijk voor het opstellen en de presentatie van deze Tussentijdse Verkorte Geconsolideerde Financiële Staten in overeenstemming met de International Financial Reporting Standard "IAS 34 Tussentijdse Financiële Verslaggeving" zoals goedgekeurd voor toepassing in de Europese Unie. Onze verantwoordelijkheid bestaat erin een conclusie te formuleren over deze Tussentijdse Verkorte Geconsolideerde Financiële Staten op basis van de door ons uitgevoerde beoordeling.
Wij hebben onze beoordeling uitgevoerd overeenkomstig ISRE 2410 "Beoordeling van tussentijdse financiële informatie, uitgevoerd door de onafhankelijke auditor van de entiteit". Een beoordeling van tussentijdse financiële informatie bestaat uit het verzoeken om inlichtingen, in hoofdzaak van personen verantwoordelijk voor financiële en boekhoudkundige aangelegenheden, alsmede uit het uitvoeren van cijferanalyses en andere beoordelingswerkzaamheden. De reikwijdte van een beoordeling is aanzienlijk geringer dan die van een overeenkomstig de Internationale Controlestandaarden uitgevoerde controle. Om die reden stelt de beoordeling ons niet in staat om zekerheid te verkrijgen van alle aangelegenheden van materieel belang die naar aanleiding van een controle aan het licht zouden komen. Bijgevolg brengen wij geen controle-oordeel tot uitdrukking.
Op basis van onze beoordeling is niets onder onze aandacht gekomen dat ons er toe aanzet van mening te zijn dat de bijgevoegde Tussentijdse Verkorte Geconsolideerde Financiële Staten niet in alle van materieel zijnde opzichten zijn opgesteld in overeenstemming met IAS 34 "Tussentijdse Financiële Verslaggeving" zoals goedgekeurd voor toepassing in de Europese Unie.
Diegem, 7 augustus 2019
Het College van Commissarissen – Bedrijfsrevisoren
Ernst & Young Bedrijfsrevisoren CVBA PVMD Bedrijfsrevisoren BCVBA Vertegenwoordigd door Vertegenwoordigd door
Romuald Bilem* Caroline Baert* Vennoot Vennoot *Handelend in naam van een BVBA
bpost evalueert de resultaten van de activiteiten behalve op basis van de gerapporteerde IFRS cijfers ook via Alternatieve Presatatiemaatstaven (APM's). De definitie van deze Alternatieve Prestatiemaatstaven worden hieronder weergegeven.
Alternatieve Prestatiemaatstaven (of non-GAAP maatstaven) worden gepresenteerd om het begrip door de investeerders van de operationele en financiële prestaties te vergroten, als ondersteuning voor inschattingen en de vergelijking van de resultaten tussen periodes te vergemakkelijken. De presentatie van de resultaten op een genormalizeerde basis wordt door het management gebruikt om de prestaties te analyseren, voor interne rapportering en inschattingen.
De presentatie van de Alternatieve Prestatiemaatstaven is niet in overeenstemming met IFRS en de APM's zijn niet geauditeerd. De APM's zijn mogelijk niet vergelijkbaar met de APM's gerapporteerd door andere vennootschappen omdat deze vennootschappen hun APM's anders kunnen berekenen dan bpost.
De berekening van de genormaliseerde resultaten, genormaliseerde vrije kasstroom en de bpost N.V. netto winst (BGAAP) zijn beschikbaar onder de definities. De APM's afgeleid van items gerapporteerd in de financiële staten kunnen worden berekend en rechtstreeks aangesloten worden met deze items zoals vermeld in de onderstaande definities.
Genormaliseerde Resultaten (Bedrijfsresultaat / Bedrijfsresultaat voor afschrijvingen / Nettoresultaat): bpost definieert Bedrijfsresultaat / Bedrijfsresultaat voor afschrijvingen / Nettoresultaat exclusief eenmalige elementen. Aanpassende elementen vertegenwoordigen belangrijke elementen binnen de opbrengsten of kosten die ten gevolge van hun niet-recurrent karakter niet zijn opgenomen in de interne rapportering en de resultaatsanalyses. bpost gebruikt een consistente benadering bij de bepaling of een opbrengst of kostelement aanpassend is en of het voldoende significant is om uit de gerapporteerde cijfers te worden uitgesloten ten einde genormaliseerde cijfers te bekomen. Een aanpassend element is verondersteld significant te zijn als het 20 miljoen EUR of meer bedraagt. Zowel alle winsten en verliezen ten gevolge van de buitengebruikstelling van activiteiten, als de afschrijvingen van immateriële vaste activa erkend tijdens de toewijzing van de aankoopprijs (PPA) van overnames worden genormaliseerd ongeacht het bedrag zij vertegenwoordigen. Terugnames van provisies waarvan de aanlegging eerder werd genormaliseerd, worden ook genormaliseerd ongeacht hun bedrag. De reconciliatie van de genormaliseerde resultaten is beschikbaar onder de definities.
Nettowinst bpost NV (BGAAP): bpost definieert de nettowinst van bpost NV (BGAAP) als de nietgeconsolideerde winst (verlies) in overeenstemming met de in België Algemeen Aanvaarde Boekhoudkundige Principes, na belastingen en na de overheveling van/naar onbelaste reserves. Dit komt overeen met de winst (het verlies) die/dat voor de periode beschikbaar is voor winstbestemming (code #9905 van de BGAAP jaarrekening). De gedetailleerde reconciliatie van de geconsolideerde tussentijdse IFRS winst van het jaar naar de prestatiemeting is beschikbaar onder de definities. Het management van bpost is van oordeel dat deze meting de belegger een beter inzicht geeft in het potentieel uit te keren dividend.
Constante wisselkoers: voor de prestaties bij een constante wisselkoers sluit bpost de impact uit van de verschillende wisselkoersen die tijdens verschillende periodes voor het segment PaLo Noord-Amerika werden toegepast. De gerapporteerde cijfers in de lokale munteenheid van de vorige vergelijkbare periode worden omgezet met de wisselkoersen die worden toegepast voor de huidige gerapporteerde periode.
Het management van bpost is van oordeel dat de prestaties bij een constante wisselkoers de investeerder een idee geven van de operationele prestaties van de entiteiten van het segment PaLo Noord-Amerika.
Bedrijfsresultaat voor afschrijvingen (EBTIDA): bpost definieert EBITDA als bedrijfsresultaat (EBIT) plus afschrijvingen en waardeverminderingen en is afgeleid van de geconsolideerde resultatenrekening
Nettoschuld / (netto geldmiddelen): bpost definieert nettoschuld / (netto geldmiddelen) als de lang- en kortlopende rentedragende verplichtingen en leningen plus bankvoorschotten in rekeningcourant vermindert met geldmiddelen en kasequivalenten en is af te leiden uit de geconsolideerde balans.
Operationele vrije kasstroom (FCF) en Genormaliseerde Operationele vrije kasstroom: bpost definieert FCF als de som van de netto kasstroom uit bedrijfsactiviteiten en de kasstroom voor de investeringsactiviteiten en is afgeleid van het geconsolideerd kasstroomoverzicht. Genormaliseerde operationele vrije kasstroom bestaat uit de operationele vrije kasstroom, zoals gedefinieerd, gecorrigeerd voor de geïnde opbrengsten voor klanten. De berekening is beschikbaar onder de definities. In sommige gevallen voert Radial in naam van hun klanten de facturatie en de inning van betalingen voor hun klanten uit. Onder deze overeenkomst, maakt Radial de betaalde bedragen over aan hun klant en rekent maandelijks af met de klant voor het te betalen of het te ontvangen bedrag gebasseerd op facturaties, vergoedingen en voorheen afgerekende bedragen. De genormaliseerde operationele vrije kasstroom houdt geen rekening met de gelden ontvangen door Radail voor rekening van hun klanten aangezien Radial weinig of geen impact heeft op de bedragen en het tijdstip van deze betalingen.
Evolutie volume Parcels BeNe: bpost definieert de evolutie van Parcels BeNe als het verschil, uitgedrukt in een percentage, van de pakjes volumes verwerkt door bpost NV en Dynalogic, tussen de gerapporteerde volumes van de huidige, gerapporteerde en een vergelijkbare periode.
Prestaties Radial Noord-Amerika in USD: bpost definieert de prestaties van Radial Noord-Amerika als de in USD uitgedrukte totale bedrijfsopbrengsten, EBITDA en EBIT na de consolidatie van de groep van entiteiten van Radial die door bpost North America Holdings Inc. wordt aangehouden. Transacties tussen de groep van entiteiten van Radial en andere entiteiten van de bpost Groep worden niet geëlimineerd en maken deel uit van de totale bedrijfsopbrengsten, de EBITDA en de EBIT.
Het management van bpost is van oordeel dat deze maatstaf de belegger een beter inzicht geeft in de prestaties van Radial, de opschaling van zijn aanwezigheid in de VS en de uitbreiding van zijn productaanbod naar meerwaardeactiviteiten die de volledige waardeketen in e-commercelogistiek en omnikanalentechnologie bestrijken.
Onderliggende volume (Transactional mail, advertising mail en press): bpost definieert onderliggende volume mail volume als de gerapporteerde volumes en omvatten bepaalde correcties, bijvoorbeeld voor de impact van het aantal werkdagen evenals volumes met betrekking tot verkiezingen.
| Totaal van het jaar 30 juni |
2de kwartaal | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | Evolutie % |
2018 | 2019 | Evolutie % |
|
| Totale bedrijfsopbrengsten | 1.844,9 | 1.842,5 | -0,1% | 928,4 | 935,7 | 0,8% | |
| GENORMALISEERDE TOTALE BEDRIJSFOPBRENGSTEN |
1.844,9 | 1.842,5 | -0,1% | 928,4 | 935,7 | 0,8% |
| Totaal van het jaar 2de kwartaal 30 juni |
||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | Evolutie % |
2018 | 2019 | Evolutie % |
| Totale bedrijfskosten exclusief afschrijvingen / waardeverminderingen |
(1.559,1) | (1.529,7) | -1,9% | (785,8) | (773,9) | -1,5% |
| GENORMALISEERDE TOTALE BEDRIJFSKOSTEN EXCLUSIEF AFSCHRIJVINGEN / WAARDEVERMINDERINGEN |
(1.559,1) | (1.529,7) | -1,9% | (785,8) | (773,9) | -1,5% |
| Totaal van het jaar 30 juni |
2de kwartaal | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | Evolutie % |
2018 | 2019 | Evolutie % |
||
| EBITDA | 285,7 | 312,8 | 9,5% | 142,5 | 161,7 | 13,4% | ||
| GENORMALISEERDE EBITDA | 285,7 | 312,8 | 9,5% | 142,5 | 161,7 | 13,4% |
| Totaal van het jaar 30 juni |
2de kwartaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | Evolutie % |
2018 | 2019 | Evolutie % |
| Bedrijfsresultaat (EBIT) | 208,9 | 192,2 | -8,0% | 102,9 | 101,8 | -1,0% |
| Niet-cash impact van de toewijzing van de aankoopprijs (PPA) (1) |
11,7 | 11,1 | -4,9% | 5,4 | 5,7 | 5,9% |
| GENORMALISEERD BEDRIJFSRESULTAAT (EBIT) |
220,6 | 203,3 | -7,8% | 108,3 | 107,5 | -0,7% |
| Totaal van het jaar 30 juni |
2de kwartaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | Evolutie % |
2018 | 2019 | Evolutie % |
| Winst van het boekjaar | 131,8 | 113,5 | -13,9% | 68,1 | 63,4 | -6,9% |
| Niet-cash impact van de toewijzing van de aankoopprijs (PPA) (1) |
10,6 | 10,2 | -4,5% | 4,8 | 5,3 | 9,4% |
| GENORMALISEERDE WINST VAN HET BOEKJAAR |
142,5 | 123,7 | -13,2% | 72,9 | 68,6 | -5,9% |
(1) In overeenstemming met IFRS 3 en via de toewijzing van de aankoopprijs (PPA) van verschillende entiteiten, erkende bpost verschillende immateriële vaste activa (merknamen, know-how, klantenrelaties,…). De niet-cash impact bestaande uit afschrijvingen op deze immateriële vaste activa worden genormaliseerd.
| Totaal van het jaar 30 juni |
2de kwartaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | Evolutie % |
2018 | 2019 | Evolutie % |
| Netto kasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 168,3 | 175,3 | 4,1% | (61,6) | (27,0) | -56,3% |
| Netto kasstroom uit investeringsactiviteiten |
(95,6) | 15,4 | (17,0) | 31,4 | ||
| OPERATIONELE VRIJE KASSTROOM | 72,7 | 190,6 | (78,6) | 4,5 | ||
| Geïnde opbrengsten voor klanten | (18,6) | (23,3) | 25,4% | 1,1 | (14,0) | |
| GENORMALISEERDE OPERATIONELE VRIJE KASSTROOM |
91,3 | 213,9 | (79,7) | 18,5 |
| Totaal van het jaar 30 juni |
2de kwartaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| In million EUR | 2018 | 2019 | Evolutie % |
2018 | 2019 | Evolutie % |
| IFRS geconsolideerde nettowinst | 131,8 | 113,5 | -13,9% | 68,1 | 63,4 | -6,9% |
| Resultaten van de dochterondernemingen en deconsolidatie impacten |
(6,0) | (1,0) | -82,5% | (2,8) | (4,6) | 61,9% |
| Overige deconsolidatie impacten | 10,9 | (4,8) | -143,7% | 10,5 | (3,5) | -133,9% |
| Verschillen in afschrijvingen en waardeverminderingen |
1,3 | (29,5) | - | 1,8 | (30,7) | - |
| Verschillen in opname van voorzieningen |
(0,7) | (0,5) | -29,6% | 0,1 | (0,3) | -347,2% |
| Effecten van IAS 19 | 1,8 | 0,7 | -61,0% | 3,5 | 3,0 | -15,2% |
| Effecten van IFRS 16 | 0,0 | 3,5 | - | 0,0 | 2,8 | - |
| Afschrijvingen immateriële vaste activa (PPA) |
11,7 | 11,1 | -4,9% | 5,4 | 5,7 | 5,9% |
| Uitgestelde belastingen | (0,7) | 6,3 | - | (1,3) | 5,9 | - |
| Overige | 4,8 | 0,8 | -82,5% | (2,6) | (1,6) | -38,8% |
| Te bestemmen winst (verlies) van het boekjaar – BGAAP |
154,9 | 100,2 | -35,3% | 82,6 | 40,1 | -51,5% |
| Overboeking naar (van) belastingvrije reserves |
- | 35,6 | - | 35,6 | - | |
| BGAAP niet-geconsolideerde nettowinst (winst van het boekjaar) |
154,9 | 135,8 | -12,3% | 82,6 | 75,7 | -8,3% |
De niet-geconsolideerde winst na belastingen van bpost, opgemaakt in overeenstemming met de Belgische boekhoudregels (BGAAP), kan in twee stappen worden afgeleid uit de geconsolideerde IFRS winst na belastingen.
In een eerste stap wordt de niet-geconsolideerde winst na belastingen volgens IFRS afgeleid, nl. door:
De tabel hieronder toont een opsplitsing van hetgeen hierboven vermeld wordt:
| Totaal van het jaar 30 juni |
2de kwartaal | |||
|---|---|---|---|---|
| In miljoen EUR | 2018 | 2019 | 2018 | 2019 |
| Winst van de Belgische volledig geconsolideerde dochterondernemingen (GAAP lokaal) |
(5,0) | (10,4) | (2,4) | (5,2) |
| Winst van de internationale dochterondernemingen (GAAP lokaal) |
5,7 | 15,7 | 2,4 | 3,9 |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen (GAAP lokaal) |
(6,1) | (6,4) | (2,9) | (3,2) |
| Overige deconsolidatie impacten | 10,3 | (4,8) | 10,5 | (3,5) |
| TOTAAL | 4,9 | (5,8) | 7,6 | (8,1) |
Bij de tweede stap wordt het BGAAP resultaat afgeleid van het IFRS resultaat, dit wordt bekomen door alle IFRS-aanpassingen die aan lokale GAAP-cijfers werden gedaan terug te draaien. Deze aanpassingen omvatten, maar zijn niet beperkt tot, het volgende:
De CEO verklaart dat volgens zijn kennis de verkorte, geconsolideerde interim-rapportering die opgesteld is in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards ("IFRS") zoals aanvaard door de Europese Unie, een getrouw en eerlijk beeld geeft van de activa, de financiële toestand en de resultaten van bpost en van de entiteiten die in de consolidatie zijn opgenomen.
Het financieel verslag geeft een duidelijk beeld van de informatie dat moet vermeld worden ingevolge artikel 13 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007.
De informatie in dit document kan op de toekomst gerichte verklaringen bevatten7, die gebaseerd zijn op de huidige toekomstverwachtingen van het management over toekomstige gebeurtenissen. Door de aard ervan houden op de toekomst gerichte verklaringen geen garanties in m.b.t. toekomstige prestaties en houden ze gekende en ongekende risico's, onzekerheden, veronderstellingen en andere factoren in omdat ze betrekking hebben op gebeurtenissen of afhangen van omstandigheden die zullen plaatsvinden in de toekomst en die al dan niet onder de controle van de onderneming vallen. Dergelijke factoren kunnen aanleiding geven tot resultaten, prestaties of ontwikkelingen die aanzienlijk verschillen van deze die door dergelijke op de toekomst gerichte verklaringen worden uitgedrukt of geïmpliceerd. Dientengevolge wordt niet gewaarborgd dat dergelijke op de toekomst gerichte verklaringen correct zullen blijken te zijn. Ze worden pas relevant op de datum van de presentatie en de onderneming legt zich geen verplichting op om de in dit verslag opgenomen op de toekomst gerichte verklaringen bij te werken zodat ze de werkelijke resultaten, veranderingen in aannames of veranderingen in factoren die betrekking hebben op deze verklaringen, zouden weerspiegelen.
7 zoals onder meer bepaald krachtens de "U.S. Private Securities Litigation Reform Act" van 1995
Building tools?
Free accounts include 100 API calls/year for testing.
Have a question? We'll get back to you promptly.