Skip to main content

AI assistant

Sign in to chat with this filing

The assistant answers questions, extracts KPIs, and summarises risk factors directly from the filing text.

UCB Interim / Quarterly Report 2015

Jul 31, 2015

4017_ir_2015-07-31_a46b7d3e-e2ca-4783-b33f-f8fe9c2e7a13.pdf

Interim / Quarterly Report

Open in viewer

Opens in your device viewer

Halfjaarlijks financieel verslag 2015 31 juli 2015

UCB VANDAAG

1 PA: partiële aanvallen

2 PGTCA: primaire, gegeneraliseerde tonische-clonische aanvallen

3 Brazilië, Rusland, Indië, China, Mexico en Turkije

4 Keppra® XR: verstrijken van het octrooi in sep 2011

UCB MORGEN

1 PA: partiële aanvallen

2 Decision Resource – December 2014 – Number of diagnosed prevalent cases of epilepsy in the major pharmaceutical markets – 2014

3 International Osteoporosis Foundation."Facts and Statistics." Accessed 10 February 2015 from www.iofbonehealth.org/facts-statistics#category-16

4 Decision Resource – December 2014 – Number of diagnosed prevalent cases of systemic lupus erythematosus in the major pharmaceutical markets – 2014

1 partner: Biogen * partner: Vectura

R&D MIJLPALEN

1 PA: partiële aanvallen

2 PGTCA: primaire, gegeneraliseerde tonische-clonische aanvallen

3 SLE: systemische lupus erythematosus

4 IA: idiopathische artritis

Inhoudsopgave

1. Overzicht van de bedrijfsprestaties1 6
1.1. Belangrijkste hoogtepunten 6
1.2. Belangrijkste gebeurtenissen in 2015 6
2. Jaarrekening1 9
2.1. Netto-omzet per product 9
2.2. Netto-omzet per geografisch gebied 11
2.3. Royaltyinkomsten en -vergoedingen 13
2.4. Overige opbrengsten 13
2.5. Brutowinst 14
2.6. Recurrente EBIT en recurrente EBITDA 15
2.7. Nettowinst en kernopbrengsten 16
2.8. Balans 17
2.9.
2.10.
Kasstroomoverzicht
Vooruitzichten voor 2015 - aangepast
17
17
3. Verkorte geconsolideerde winst- en
verliesrekening 18
3.1. Verkorte geconsolideerde winst- en
3.2. verliesrekening
Geconsolideerd overzicht van gerealiseerde
18
en niet-gerealiseerde resultaten 19
3.3. Verkorte geconsolideerde balans 20
3.4. Verkort geconsolideerd kasstroomoverzicht 21
3.5. Verkort geconsolideerd overzicht van de
wijzigingen in het eigen vermogen 22
4. Toelichting 23
4.2. Algemene informatie 23
4.3. Grondslag voor de opstelling 23
4.4. Grondslagen voor de verslaglegging 23
4.5. Schattingen 24
4.6. Financieel risicobeheer 25
4.7. Gesegmenteerde informatie 27
4.8. Seizoensgebonden activiteiten 28
4.9. Vaste activa en groepen activa die worden
afgestoten, aangehouden voor verkoop en
beëindigde activiteiten 29
4.10. Overige bedrijfsbaten / -lasten (-) 30
4.11.
Bijzondere waardevermindering van
niet-financiële activa 30
4.12. Reorganisatiekosten 30
4.13. Overige baten en lasten 31
4.14. Financiële opbrengsten en
financieringskosten 31
4.15. Winstbelastingen (-) / tegoeden 31
4.16. Immateriële activa 31
4.17. Goodwill 32
4.18. Materiële vaste activa 32
4.19. Financiële en overige activa 32
4.20. Waardevermindering op voorraden 32
4.21. Kapitaal en reserves 33
4.22. Leningen 34
4.23. Obligaties 34
4.24. Overige financiële verplichtingen 36
4.25. Voorzieningen 36
4.26. Toelichting bij het geconsolideerde
kasstroomoverzicht 36
4.27. Transacties met verbonden partijen 37
4.28. Dividenden 39
4.29. Verbintenissen en voorwaardelijke
gebeurtenissen 39
4.30. Gebeurtenissen na de
tussentijdse balansdatum 40
5. Verslag van de commissaris 41
42
6. Verantwoordingsverklaring
7. Verklarende woordenlijst 43

1. Overzicht van de bedrijfsprestaties1

1.1. Belangrijkste hoogtepunten

• De omzet steeg in de eerste zes maanden van 2015 met 21% tot € 1 917 miljoen, of 12% aan constante wisselkoersen (cw). De netto-omzet bedroeg € 1 704 miljoen, een verhoging van 21% (+13% cw), als gevolg van de prestaties van de kernproducten Cimzia® , Vimpat® en Neupro® , die nu 55% van de totale netto-omzet van UCB bedragen. Royaltyinkomsten en -vergoedingen bedroegen € 85 miljoen. De overige opbrengsten bereikten € 128 miljoen (+22%; +17% cw) meestal als gevolg van de ontvangen mijlpaalbetalingen van Daiichi,

UCB's allergiefranchise in China, en van de Europese Investeringsbank (EIB).

  • Recurring EBITDA steeg tot € 464 miljoen, een verhoging van 49% (+31% cw), mede door sterke wisselkoersen en als gevolg van een sterke nettoomzetgroei en een sub-proportionele groei van de bedrijfskosten.
  • Nettowinst steeg van € 113 miljoen tot € 289 miljoen.
  • De kernwinst per aandeel (WPA) bedroeg € 1,18 tegen € 0,96 in de eerste helft van 2014.
Voor de zes maanden, eindigend op 30 juni1 Actueel Verschil
€ miljoen 2015 2014 Actuele
wisselkoersen
CW
Opbrengsten 1 917 1 591 21% 12%
Netto-omzet 1 704 1 406 21% 13%
Royaltyinkomsten en -vergoedingen 85 80 6% -3%
Overige opbrengsten 128 105 22% 17%
Brutowinst 1 369 1 103 24% 13%
Marketing- en verkoopkosten -433 -371 -17% -7%
Onderzoeks- en ontwikkelingskosten -472 -439 -8% -1%
Algemene en administratiekosten -99 -99 1% 6%
Overige bedrijfsbaten / -lasten (-) -31 4 > 100% > 100%
Recurrente EBIT (REBIT) 335 198 69% 45%
Overige bedrijfsbaten / -lasten (-) 80 -47 > -100% > -100%
EBIT (operationele winst) 415 152 > 100% > 100%
Netto financiële lasten (-) -47 -67 30% 34%
Winst vóór winstbelastingen 369 85 > 100% > 100%
Winstbelastingen (-) / tegoeden -108 -23 > -100% > -100%
Winst uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 261 62 > 100% > 100%
Winst / verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten 28 51 -44% -51%
Nettowinst 289 113 > 100% > 100%
Toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB 267 137 94% 66%
Toerekenbaar aan minderheidsbelangen 22 -24 > -100% > -100%
Recurrente EBITDA 464 311 49% 31%
Kapitaalinvesteringen (inclusief immateriële activa) 97 91 6% n.v.t.
Netto financiële schuld² 1 813 1 611 12% n.v.t.
Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten 136 174 -22% n.v.t.
Gewogen gemiddeld aantal aandelen (niet-verwaterd) 192 191 1% n.v.t.
Winst per aandeel (€ per gewogen gemiddeld aandeel
- niet-verwaterd)
1,39 0,72 93% 65%
Winst per aandeel (€ per gewogen gemiddeld aandeel
- niet-verwaterd)
1,18 0,96 23% 7%

1.2. Belangrijkste gebeurtenissen in 2015 1 Ten gevolge van afrondingen is het mogelijk dat het totaal van bepaalde financiële cijfers in de tabellen in dit overzicht van de financiële en bedrijfsresultaten niet gelijk is aan de weergegeven som. De 2014 financiële cijfers werden aangepast voor de beslissing om Kremers Urban af te stoten.

2 Met uitzondering van de netto financiële schuld, waar 2014 de balans per 31 december 2014 betreft, en herwerkt is.

Er hebben zich een aantal belangrijke gebeurtenissen voorgedaan die UCB financieel hebben beïnvloed of zullen beïnvloeden:

Belangrijke overeenkomsten / initiatieven

  • Januari 2015 UCB en Neuropore gaan een wereldwijde samenwerking aan en sluiten een overeenkomst voor het ontwikkelen en het in de handel brengen van therapeutische producten die gericht zijn op het vertragen van de progressie van de ziekte van Parkinson en daaraan verwante aandoeningen. Het betreft onder andere NPT200-11, de nieuwe kleine molecule van Neuropore die aangrijpt op pathogeen α-synucleïne. Het middel bevindt zich momenteel in de preklinische ontwikkelingsfase en zal naar verwachting in 2015 de klinische fase 1 ingaan.
  • Maart 2015 UCB voltooit een aanbod van € 350 miljoen aan ongedekte obligaties van eerste rang met vervaldatum in april 2022 en uitgegeven onder haar drie miljard euro EMTN programma.
  • • April 2015 - UCB heeft een overeenkomst gesloten met Dr. Reddy's om zijn gevestigde merken te verkopen in Indië, inclusief franchises op vlak van allergieën en ademhalingsaandoeningen. Met de transactie is een bedrag gemoeid van INR 8 000 miljoen. De transactie werd afgesloten in juni voor ~ € 110 miljoen.

  • • April 2015 – UCB sluit een overeenkomst met Biogen om hun neurologie producten voor multiple sclerose (Tecfidera® , Tysabri® en Avonex® ) ook in Indië te verdelen. Het versterken van UCB's neurologie portfolio in Indië zorgt voor innovatieve oplossingen voor patiënten die leven met ernstige ziektes.

  • Mei 2015 UCB werkt samen met Pfizer in China voor de marktrechten voor de franchise op vlak van allergieën van UCB (Zyrtec® en Xyzal® ).

Update over de reglementering en vooruitgang van de pijplijn

Neurologie

  • Januari 2015 Neuropore en UCB gaan een wereldwijde samenwerking aan en sloten een overeenkomst om te werken aan de ontwikkeling van een ziekteveranderende behandelmogelijkheid met kleinmoleculair middel voor mensen met de ziekte van Parkinson. Neuropore zou de fase 1-studie in 2015 moeten beginnen.
  • Januari 2015 De aanvragen voor brivaracetam als aanvullende behandeling voor partiële aanvallen bij epilepsie patiënten vanaf 16 jaar, zijn ingediend bij de regelgevende instanties in de Verenigde Staten en de Europese Unie.

Februari 2015 – UCB kondigt positieve top-line resultaten aan van twee fase 3-studies betreffende de evaluatie van Neupro® (transdermale pleister van rotigotine) voor de behandeling van patiënten die leven met de ziekte van Parkinson in China. Indiening bij de regelgevende autoriteiten is gepland in 2015.

• Februari 2015 - De Japanse regelgevende instanties keuren E Keppra® (levetiracetam) goed als monotherapie bij pediatrische epilepsie patiënten met partiële aanvallen (PA) vanaf 4 jaar.

  • Maart 2015 E Keppra® is ingediend bij de Japanse regelgevende instanties als adjuvante therapie voor primaire gegeneraliseerde tonisch-clonische aanvallen (PGTCA).
  • April 2015 Het fase 3-programma voor Vimpat® (lacosamide) bij primaire gegeneraliseerde tonischclonische aanvallen (PGTCA) is gestart; de eerste hoofdresultaten worden verwacht in 2019.
  • • Juni 2015 – Vimpat® , als adjuvante therapie bij de behandeling van volwassen patiënten met partiële aanvallen (PA), is ingediend bij de regelgevende instanties in Japan. Ter ondersteuning van deze

Immunologie

  • Januari 2015 Dermira en UCB kondigen het starten van fase 3-programma voor Cimzia® (certolizumab pegol) bij psoriasis aan. De belangrijkste gegevens uit deze studies worden in 2017 verwacht.
  • Mei 2015 De additionele fase 2a-studie is gestart om bimekizumab (UCB4940) in combinatie met Cimzia® te evalueren en te onderzoeken of voor patiënten die leven met reumatoïde artritis (RA) en zij die ongecontroleerd zijn met biologische producten, verder kunnen geholpen worden door het toevoegen van bimekizumab als adjuvante therapie. De eerste resultaten worden verwacht in de eerste helft van 2017.
  • Juni 2015 De eerste fase van C-EARLY™ (op 52 weken) toont aan dat toevoeging van Cimzia® bij geoptimaliseerde methotrexate een versterkte vermindering en lage ziekteactiviteit bereikt in deze risico patiëntenpopulatie. Gebaseerd op de resultaten van dit onderzoek, heeft UCB een regelgevingsaanvraag ingediend bij het Europees Geneesmiddelenbureau voor een verlenging van de Cimzia® indicatie in RA.

uitbreiding hebben UCB en Daiichi Sankyo in november 2014 afgesproken om samen lacosamide beschikbaar te maken voor epilepsiepatiënten in Japan.

• Juli 2015 – De fase 2-studie van UCB0942 (PPSI), een kleine molecule in ontwikkeling voor zeer resistente epilepsie is gestart; de eerste resultaten worden verwacht in het vierde kwartaal van 2016.

Alle andere klinische ontwikkelingsprogramma's in neurologie gaan verder, zoals gepland.

  • Juni 2015 Het UCB partnerschap met Vectura gaat vooruit. De nieuwe moleculaire entiteit VR942/UCB4144 is de fase 1-studie ingegaan bij gezonde vrijwilligers en patiënten met astma.
  • Juli 2015 UCB kondigt aan dat het klinische fase 3 onderzoeksprogramma voor epratuzumab bij systemische lupus erythematosus (SLE) zijn primaire werkzaamheidseindpunten niet heeft bereikt. De behandelingsrespons bij patiënten die epratuzumab kregen naast een standaardtherapie was niet statistisch significant hoger dan bij patiënten die placebo kregen naast een standaardtherapie. Een hoog niveau herziening van de veiligheidsgegevens heeft geen nieuwe veiligheidsproblemen aangeduid.

Alle andere klinische ontwikkelingsprogramma's in immunologie gaan verder, zoals gepland.

2. Jaarrekening1

De financiële informatie in dit managementverslag moet worden gelezen in samenhang met het verkort geconsolideerd tussentijds financieel verslag en de geconsolideerde jaarrekening op 31 december 2014. Dit verkort geconsolideerd tussentijds financieel verslag werd beperkt nagezien, niet geauditeerd.

Wijziging van de groep: als gevolg van de afstoting van de resterende niet-farmaceutische activiteiten, zoals Films (in september 2004), Surface Specialties (in februari 2005) en de beslissing om Kremers Urban Pharmaceuticals Inc. af te stoten (in november 2014), rapporteert UCB de resultaten van deze activiteiten als deel van de winst uit beëindigde bedrijfsactiviteiten. Kremers Urban wordt vanaf 1 januari 2013 als beëindigde bedrijfsactiviteit beschouwd.

Recurrente en niet-recurrente posten: Eenmalige transacties en beslissingen die de resultaten van UCB beïnvloeden, worden afzonderlijk weergegeven ("nietrecurrente" posten). Naast de EBIT (winst vóór rente en belastingen of operationele winst), is een regel voor "recurrente EBIT" (REBIT of recurrente operationele winst) opgenomen die de lopende rentabiliteit van de biofarmaceutische activiteiten van de onderneming weerspiegelt. De recurrente EBIT is gelijk aan de regel "operationele winst vóór bijzondere waardevermindering van activa, herstructurering en overige baten en lasten" die in de geconsolideerde jaarrekening gerapporteerd wordt.

Kern-WPA is de kern-nettowinst, of de nettowinst die kan worden toegekend aan UCB aandeelhouders, aangepast voor de impact na belasting van niet-recurrente posten, financiële eenmalige posten, de bijdrage na belasting van nietvoorgezette activiteiten, en de nettoafschrijving die verbonden is met verkopen per niet-verwaterd gewogen gemiddeld aantal aandelen.

2.1. Netto-omzet per product

De totale netto-omzet bedraagt € 1 704 miljoen, 21% meer dan vorig jaar of +13% meer bij constante wisselkoersen. Deze verhoging is het gevolg van de sterke groei (+40%; +23% cw) van de kernproducten

Cimzia® , Vimpat® en Neupro® , die een gecombineerde netto-omzet halen van € 942 miljoen, of 55% van de totale netto-omzet van UCB.

€ miljoen Actueel juni Verschil %
2015 2014 Actuele
wisselkoersen
cw2
Kerngeneesmiddelen 942 672 40% 23%
Cimzia® 490 353 39% 31%
Vimpat® 323 217 49% 27%
Neupro® 129 102 26% 18%
Gevestigde merken 762 733 4% 4%
Keppra® (inclusief Keppra® XR) 385 339 14% 2%
Zyrtec® (inclusief Zyrtec-D® /
Cirrus®
)
92 93 -1% -3%
Xyzal® 60 48 25% 14%
venlafaxine ER 34 17 > 100% 69%
Nootropil® 27 26 3% -5%
Overige 164 211 -22% -2%
Totale netto-omzet 1 704 1 406 21% 13%

1 Ten gevolge van afrondingen is het mogelijk dat het totaal van bepaalde financiële cijfers in de tabellen in dit overzicht van de financiële en bedrijfsresultaten niet gelijk is aan de weergegeven som. De 2014 financiële cijfers werden aangepast voor de beslissing om Kremers Urban af te stoten.

2 cw: constante wisselkoersen

Kernproducten

  • Cimzia® (certolizumab pegol) haalde een netto-omzet van € 490 miljoen, een stijging van 39% (+31% cw), en bereikt meer en meer patiënten met inflammatoire TNF gemedieerde ziekten.
  • Vimpat® (lacosamide), voor epilepsiepatiënten, haalde een netto-omzet van € 323 miljoen, een stijging met +49% (+27% cw). Sinds september 2014 is Vimpat® in de VS ook beschikbaar als monotherapie behandeling voor partieel beginnende aanvallen.
  • De netto-omzet van Neupro® (rotigotine) bereikte € 129 miljoen, +26% (+18% cw) die meer en meer patiënten met de ziekte van Parkinson of het rusteloze benensyndroom bereikt.

Overige producten

Keppra® (levetiracetam), voor epilepsiepatiënten, haalde een netto-omzet van € 385 miljoen, een stijging met 14% (+2% cw). De aanhoudende postexclusiviteitserosie in de V.S. en Europa werd gecompenseerd door groei in Japan, de opkomende markten en internationale markten.

  • Zyrtec® (cetirizine, inclusief Zyrtec® -D/Cirrus® ), tegen allergieën, kende een stabiele netto-omzet van € 92 miljoen, voornamelijk vanwege de concurrentie van generische producten in Japan die werd gecompenseerd door de andere markten.
  • Xyzal® (levocetirizine), tegen allergieën, behaalde een netto-omzet van € 60 miljoen (+25%; +14% cw), voornamelijk door een sterkere netto-omzet in Japan.
  • Venlafaxine ER (venlafaxinehydrochloride langzaam afgevend) voor de behandeling van depressie en angststoornissen behaalde een netto-omzet van € 34 miljoen, tegenover € 17 miljoen in de eerste helft van 2014.
  • Nootropil® (piracetam), voor cognitieve stoornissen, boekte een netto-omzet van € 27 miljoen.
  • Andere producten: De netto-omzet voor de andere gevestigde merken daalde naar € 164 miljoen (+2% cw) ten gevolge van de niet toegewezen omzet.

2.2. Netto-omzet per geografisch gebied

€ miljoen Actueel juni Verschil - actuele
wisselkoersen
Verschil - constante
wisselkoersen
2015 2014 € miljoen % € miljoen %
Netto-omzet VS 775 499 276 55% 132 26%
Cimzia® 321 208 112 54% 53 25%
Vimpat® 244 154 90 58% 45 29%
Neupro® 36 24 13 53% 6 24%
Keppra® (inclusief Keppra® XR) 124 94 30 32% 7 7%
venlafaxine ER 34 16 18 > 100% 11 70%
Overige 15 3 13 > 100% 10 > 100%
Netto-omzet Europa 603 572 30 5% 22 4%
Cimzia® 137 106 31 29% 29 27%
Vimpat® 64 52 12 23% 12 22%
Neupro® 73 67 6 9% 5 8%
Keppra® 127 141 -14 -10% -16 -11%
Zyrtec® (inclusief Cirrus®
)
41 39 2 6% 2 5%
Xyzal® 22 24 -2 -7% -2 -9%
Overige 138 144 -6 -4% -8 -6%
Netto-omzet Japan 124 114 10 9% 3 3%
Cimzia® 4 19 -16 -81% -16 -82%
Neupro® 15 8 7 80% 7 80%
E Keppra® 51 39 12 30% 10 24%
Zyrtec® (inclusief Cirrus®
)
31 35 -4 -11% -5 -15%
Xyzal® 23 12 11 90% 8 65%
Netto-omzet Opkomende markten 172 147 25 17% 8 5%
Cimzia® 6 2 3 > 100% 3 > 100%
Vimpat® 3 2 1 42% 1 43%
Neupro® 1 1 0 36% 0 34%
Keppra® 59 44 14 32% 8 17%
Overige 103 96 6 7% 4 4%
Netto-omzet Internationale markten 76 62 14 22% 7 12%
Cimzia® 23 18 6 32% 5 26%
Vimpat® 11 8 3 33% 2 25%
Neupro® 3 2 1 47% 1 37%
Keppra® 24 20 3 17% 1 3%
Overige 15 14 1 8% -1 -6%
Subtotaal 1 749 1 394 355 25% 180 13%
Niet toegewezen -46 12 -57 > 100% -1 -7%
Totale netto-omzet 1 704 1 406 298 21% 180 13%
  • De door UCB gerapporteerde netto-omzet in de Verenigde Staten bedroeg € 775 miljoen, een stijging met 55% (+26% cw) ten opzichte van een jaar eerder. Deze groei werd voornamelijk gedreven door de 56% groei (27% cw) van de gecombineerde netto-omzet van Cimzia® , Vimpat® en Neupro® (€ 601 miljoen, of 78% van UCB's netto-omzet in de VS). De franchise voor Keppra® haalde een omzet van € 124 miljoen, een stijging met 32% (7% cw) die profiteerde van voorraad effecten die plaatsvonden in het eerste kwartaal. Venlafaxine ER rapporteerde een nettoomzet van € 34 miljoen, tegenover € 16 miljoen in de eerste helft van 2014, profiterend van een tekort aan bevoorrading op de markt. De netto-omzet van de andere producten haalde € 15 miljoen, in vergelijking met € 3 miljoen in de eerste helft van 2014, voornamelijk als gevolg van een sterkere vraag naar producten tegen hoest en verkoudheden.
  • De netto-omzet in Europa bedroeg € 603 miljoen, een 5% stijging (+4% cw), gedreven door de aanhoudende groei van de gecombineerde nettoomzet van Cimzia® , Vimpat® en Neupro® tot € 274 miljoen, wat 45% van UCB's netto-omzet in Europa en een stijging met 22% vertegenwoordigt. De netto-omzet van Keppra® daalde met 10% tot € 127 miljoen, een gevolg van de postexclusiviteitserosie. Allergiefranchises Zyrtec® (+6%) en Xyzal® (-7%) haalden respectievelijk een omzet van € 41 miljoen en € 22 miljoen. Alle andere producten vertegenwoordigden een netto-omzet van € 138 miljoen (-4%).
  • De netto-omzet in Japan bedroeg € 124 miljoen, een verhoging van 9% (+3% cw). Cimzia® haalde een

netto-omzet van € 4 miljoen, tegenover € 19 miljoen in de eerste helft van 2014, wat bestellingspatronen en inventarisniveau van onze partner Astellas weergeeft. De vraag naar Cimzia® op de Japanse interne markt groeit goed ondertussen. Neupro® groeide 80% tot € 15 miljoen en E Keppra® tot € 51 miljoen (+30%); de partner van UCB in Japan voor beide producten is Otsuka. De franchise voor allergieën groeide, alhoewel Zyrtec® en Xyzal® tegenovergestelde richtingen uitgingen: Zyrtec® daalde met 11% als gevolg van concurrentie door generische middelen en bereikte € 31 miljoen, terwijl Xyzal® steeg met 90% (65% cw) tot € 23 miljoen als gevolg van het allergieseizoen.

  • De netto-omzet in de opkomende markten steeg tot € 172 miljoen (+17%; +5% cw), gedreven door de sterke groei van Cimzia® , Vimpat® en Neupro® en ook Keppra® , die een groei toonde van 32% (+15% cw) tot € 59 miljoen.
  • De netto-omzet van internationale markten (voorheen "rest van de wereld") bedroeg € 76 miljoen, +22% (+12% cw) gedreven door de sterke groei van Cimzia® , Vimpat® en Neupro® en ook Keppra® .
  • De niet toegewezen netto-omzet was negatief € 46 miljoen, hetgeen de transactionele afdekkingsactiviteiten van UCB weerspiegelt, voornamelijk gerelateerd aan de Amerikaanse dollar, de Japanse yen, de Britse pond en de Zwitserse frank (CHF), en die moet geboekt worden in de "nettoomzet" volgens IFRS.

Europa: Albanië, België, Bulgarije, Cyprus, Denemarken, Duitsland, Finland, Frankrijk (inclusief Franse gebieden), Griekenland, Hongarije, Ierland, IJsland, Italië, Letland, Malta, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovakije, Slovenië, Spanje, Tsjechische Republiek, Verenigde Koninkrijk, Zweden, Zwitserland en Vaticaanstad

Opkomende markten: Brazilië, Rusland, Indië, China, Mexico en Turkije

2.3. Royaltyinkomsten en -vergoedingen

€ miljoen Actueel juni Verschil %
2015 2014 (herwerkt) Actuele wisselkoersen CW
Biotechnologische IE 39 37 6% -6%
Toviaz® 15 8 80% 80%
Zyrtec® VS 16 13 19% -3%
Overige 16 22 -27% -27%
Royaltyinkomsten en -vergoedingen 85 80 6% -3%

In de eerste zes maanden van 2015, bleven de royaltyinkomsten en -vergoedingen bijna stabiel met € 85 miljoen (6%; -3% cw).

De grootste wijziging in vergelijking met de eerste zes maanden van 2014 kwam van de franchise royalties betaald door Pfizer voor Toviaz® (fesoterodine), de behandeling van een overactieve blaas, die steeg naar € 15 miljoen, +80%, als gevolg van vertraagde afloop van de exclusiviteitsperiode binnen de franchise.

De overige royaltyinkomsten en -vergoedingen haalden € 16 miljoen, een daling met 27%, door de lagere opbrengsten van in licentie gegeven producten.

2.4. Overige opbrengsten

€ miljoen Actueel juni Verschil %
2015 2014
(herwerkt)
Actuele
wisselkoersen
CW
Opbrengsten uit contractproductie 19 21 -8% -10%
Winstdeling 13 19 -35% -36%
Samenwerkingen in Japan 54 12 > 100% > 100%
Samenwerkingen in China 21 0 > 100% > 100%
Overige 21 53 -59% -64%
Overige opbrengsten 128 105 22% 17%

De overige opbrengsten bedroegen € 128 miljoen (+22%) als gevolg van mijlpaalbetalingen van Daiichi in Japan, overige opbrengsten van onze partners in China en mijlpaalbetalingen van onze partners in O&O.

De omzet uit contractproductie bedroeg € 19 miljoen, 8% lager dan vorig jaar, en zijn in belangrijke mate verbonden met de in 2009 aangekondigde overeenkomsten met GSK.

De winstdelingsovereenkomsten voor Provas® , Xyzal® en Atmadisc® leverden een opbrengst van € 13 miljoen, 35% lager dan vorig jaar, gedreven door het levenscyclus van deze producten.

Onze samenwerkingsactiviteiten in Japan omvatten de samenwerking met Otsuka gericht op E Keppra® en Neupro® , met Astellas voor Cimzia® en met Daiichi Sankyo voor Vimpat® . Mijlpaal- en overige betalingen van onze Japanse partners bereikten € 54 miljoen tegenover € 12 miljoen in de eerste helft van 2014, gedreven door een mijlpaalbetaling van Daiichi als gevolg van de registratie van Vimpat® in Japan (zie Belangrijkste gebeurtenissen in 2015).

Onze partnerschappen in China omvatten de samenwerking voor Biogen's multiple sclerose en hemofilie behandelingen en de marktrechten voor UCB's allergiefranchise. De omzet haalde € 21 miljoen, voornamelijk gedreven door betalingen verbonden met de overdracht van marketingrechten (zie Belangrijkste gebeurtenissen in 2015).

Andere opbrengsten bereikten € 21 miljoen (-59%) en omvatten mijlpaalbetalingen en overige betalingen van onze partners in O&O (die ook in de O&O-kosten voorkomen) zoals de Europese Investeringsbank (EIB) voor het "risicodelende ontwikkelingsfinanciering" waarmee UCB de ontwikkelingsactiviteiten van geselecteerde geneesmiddelen kan bekostigen; en Sanofi voor de wetenschappelijke en strategische samenwerking voor de ontdekking en ontwikkeling van innovatieve anti-inflammatoire kleine moleculen.

2.5. Brutowinst

€ miljoen Actueel juni Verschil %
2015 2014 (herwerkt) Actuele
wisselkoersen
CW
Opbrengsten 1 917 1 591 21% 12%
Netto-omzet 1 704 1 406 21% 13%
Royaltyinkomsten en -vergoedingen 85 80 6% -3%
Overige opbrengsten 128 105 22% 17%
Kostprijs van de omzet -548 -488 -12% -10%
Kostprijs van de omzet voor producten en diensten -379 -350 -8% -7%
Royaltylasten -101 -69 -46% -42%
Aan de omzet gekoppelde afschrijvingen van
immateriële activa
-68 -69 1% 9%
Brutowinst 1 369 1 103 24% 13%

De brutowinst voor de eerste helft van 2015 bereikte € 1 369 miljoen, 24% hoger dan in 2014, een gevolg van de groei van de netto-omzet en verbeterde productmix de kernproducten bedragen nu 55% van UCB's totale netto-omzet. De bruto winstmarge steeg tot 71%, in vergelijking met 69% in de eerste helft van 2014.

De kostprijs van de omzet bestaat uit drie componenten: de kostprijs van de omzet voor producten en diensten, de royaltylasten en de afschrijvingen van aan de omzet gekoppelde immateriële activa:

De kostprijs van de omzet voor producten en diensten steeg tot € 379 miljoen, een verhoging met 8%.

De royaltylasten stegen van € 69 miljoen in 2014 tot € 101 miljoen in 2015 als gevolg van hogere royalty's voor gelanceerde producten, voornamelijk Cimzia® en Vimpat® .

€ miljoen Actueel juni Verschil %
2015
2014
CW
(herwerkt Actuele
wisselkoe
) rsen
Biotechnologische IE -12 -10 -18% -6%
Overige -88 -59 -50% -48%
Royaltylasten -
101
-69 -46% -42%

Afschrijving van de aan omzet gekoppelde

immateriële activa: Onder IFRS 3 (Bedrijfscombinaties) heeft UCB op zijn balans een aanzienlijk bedrag aan immateriële activa staan, die verband houden met de overname van Celltech en Schwarz Pharma (lopend onderzoek en ontwikkeling, productie van kennis, royaltystromen, handelsbenamingen enz.). De afschrijvingskosten van de immateriële activa waarvoor al producten zijn gelanceerd, waren in 2015 goed voor € 68 miljoen in vergelijking met € 69 miljoen in juni 2014.

2.6. Recurrente EBIT en recurrente EBITDA

€ miljoen Actueel juni Verschil %
2015 2014 (herwerkt) Actuele
wisselkoersen
CW
Opbrengsten 1 917 1 591 21% 12%
Netto-omzet 1 704 1 406 21% 13%
Royaltyinkomsten en -vergoedingen 85 80 6% -3%
Overige opbrengsten 128 105 22% 17%
Brutowinst 1 369 1 103 24% 13%
Marketing- en verkoopkosten -433 -371 -17% -7%
Onderzoeks- en ontwikkelingskosten -472 -439 -8% -1%
Algemene en administratiekosten -99 -100 1% 6%
Overige bedrijfsbaten / -lasten (-) -31 4 > 100% > 100%
Totale operationele lasten -1 034 -905 -14% -6%
Recurrente EBIT (REBIT) 335 198 69% 45%
Afschrijving van immateriële activa 85 82 3% -4%
Afschrijving van materiële activa 43 30 43% 31%
Recurrente EBITDA (REBITDA) 464 311 49% 31%

De bedrijfskosten, die de marketing- en verkoopkosten, de kosten voor onderzoek en ontwikkeling, de algemene en administratiekosten en andere bedrijfsopbrengsten/ -lasten omvatten, bedroegen € 1 034 miljoen, 14% meer in de eerste helft van 2015, als gevolg van een lagere groei percentage dan de ontvangsten, en weerspiegelt:

  • marketing- en verkoopkosten van € 433 miljoen, een stijging met +17%. De verdere groei van Cimzia® , Vimpat® en Neupro® levert synergieën en efficiëntiewinsten met aanhoudende hoge prestaties van de marketing- en verkoopactiviteiten;
  • het ver gevorderde eindstadium van de pijplijn (brivaracetam voor epilepsie, ingediend; epratuzumab en romosozumab, beide in de laatste ontwikkelingsfase (fase 3)), alsook een zeer aantrekkelijke groeiend vroegstadium pijplijn die zeven projecten in immunologie en neurologie omvat met zes nieuwe moleculaire entiteiten in ontwikkelingsfase 1 en 2, leidde tot onderzoeks- en ontwikkelingskosten van € 472 miljoen (+8%);
  • stabiele algemene en administratiekosten van € 99 miljoen;

• overige bedrijfskosten van € 31 miljoen omvatten de afschrijving van niet-productie gerelateerde afschrijving, de verhoging van de Amerikaanse BPD (Branded Prescription Drug) vergoeding en de bijzondere waardevermindering van vorderingen als gevolg van de Griekse crisis.

De recurrente EBIT steeg tot € 335 miljoen, in vergelijking met € 198 miljoen voor de eerste helft van 2014:

  • de totale afschrijving van immateriële activa (product gerelateerde en andere) bedroeg € 85 miljoen (+3%);
  • de afschrijving van materiële activa stegen tot € 43 miljoen (+43%).

De recurrente EBITDA bedroeg € 464 miljoen, in vergelijking met € 311 miljoen in de eerste helft van 2014, een gevolg van de rugwind van wisselkoersen, een sterke groei van de netto-omzet en een sub-proportionele groei van bedrijfskosten in de eerste zes maanden van 2015.

2.7. Nettowinst en kernopbrengsten

€ miljoen Actueel juni Verschil %
2015 2014 (herwerkt) Actuele
wisselkoersen
CW
Recurrente EBIT 335 198 69% 45%
Kosten van bijzondere waardevermindering -1 -26 96% 96%
Reorganisatiekosten -10 -14 32% 34%
Nettowinst op afstotingen 107 11 > 100% > 100%
Overige niet-recurrente baten/lasten (-) -16 -17 5% 8%
Totale niet-recurrente baten/lasten (-) 80 -47 > -100% > -100%
EBIT (operationele winst) 415 152 > 100% > 100%
Netto financiële lasten (-) -47 -67 30% 34%
Resultaat van geassocieerde deelnemingen 1 0 n.v.t. n.v.t.
Winst vóór winstbelastingen 369 85 > 100% > 100%
Winstbelastingen (-) / vorderingen -108 -23 > -100% > -100%
Winst uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 261 62 > 100% > 100%
Winst / verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten 28 51 -44% > 51%
Nettowinst 289 113 > 100% > 100%
Toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB 267 137 94% 66%
Toerekenbaar aan minderheidsbelangen 22 -24 > -100% > -100%
Nettowinst toerekenbaar aan aandeelhouders van
UCB
267 137 94% 66%
Eenmalige financiële en andere posten na
belastingen
-65 45 > -100% > -100%
Winst / verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten -28 -51 44% 51%
Aan de omzet gekoppelde afschrijvingen van
immateriële activa
68 69 -1% -9%
Belastingen op afschrijvingen van immateriële
activa
-16 -18 7% 15%
Kern-nettowinst toerekenbaar aan aandeelhouders
van UCB
226 183 23% 7%
Gewogen gemiddeld aantal aandelen (miljoen) 192 191 1% n.v.t.
Kern-WPA toerekenbaar aan de UCB
aandeelhouders
1,18 0,96 23% 7%

De totale niet-recurrente baten/lasten bedroegen € 80 miljoen vóór belastingen, tegenover € 47 miljoen vóór belastingen in 2014. De belangrijkste aandrijver hiervoor is de winst op de afstoting van UCB's gevestigde merken in Indië (zie Belangrijkste gebeurtenissen in 2015). De 30 juni 2014 éénmalige posten omvatten de bijzondere waardevermindering van de immateriële activa in verband met tozadenant; herstructureringskosten, winst op de afstoting van rijpe producten en andere kosten met betrekking tot geschillen.

De netto financiële lasten daalden tot € 47 miljoen, tegenover € 67 miljoen in 2014, voornamelijk door lagere interesten na de aflossing van de € 574 miljoen particuliere obligatie met vervaldatum in november 2014 (coupon van 5,75%).

De winstbelastingen bedroegen € 108 miljoen, in vergelijking met € 23 miljoen in 2014. Het gemiddelde belastingtarief op recurrente activiteiten bedraagt 32,7%, tegenover 18,5% in dezelfde periode vorig jaar. De verhoging van de effectieve aanslagvoet voor deze periode houdt hoofdzakelijk verband met de vermindering van fiscale verliezen beschikbaar voor gecompenseerd tegenover toekomstige belastbare winsten als gevolg van een fiscale controle.

Winst uit beëindigde bedrijfsactiviteiten, voornamelijk gedreven door de activiteiten van Kremers Urban, haalde € 28 miljoen, tegenover € 51 miljoen in 2014, als gevolg van een lagere transactievolume.

De nettowinst van de Groep bedroeg € 289 miljoen (tegenover € 113 miljoen vorig jaar), waarvan € 267 miljoen kan worden toegerekend aan de aandeelhouders van UCB en € 22 miljoen aan minderheidsbelangen. Verleden jaar, € 137 miljoen werden toegerekend aan de aandeelhouders van UCB, en een verlies van € 24 miljoen aan minderheidsbelangen.

2.8. Balans

De immateriële activa daalden met € 27 miljoen van € 1 219 miljoen per 31 december 2014 tot € 1 187 miljoen op 30 juni 2015. Dit omvat lopende afschrijving van de immateriële activa (€ 90 miljoen), de verhoging van de Amerikaanse dollar en het Britse pond, deels gecompenseerd door de mijlpaalbetalingen die ontvangen werden in het kader van licentieafspraken, software en gekapitaliseerde ontwikkelingskosten voor in aanmerking komende software.

De goodwill steeg van € 4 882 miljoen per 31 december 2014 naar € 5 123 miljoen, een gevolg van de verhoging van de Amerikaanse dollar en het Britse pond.

Overige niet-recurrente posten steeg met € 97 miljoen, voornamelijk door een verhoging van uitgestelde belastingvorderingen als gevolg van de sterkere Amerikaanse dollar en het Britse pond, gecompenseerd met een daling in de erkende verliezen, en de toenemende Zwitserse Frank in materiële vaste activa.

De stijging van de vlottende activa van € 2 501 miljoen per 31 december 2014 tot € 2 601 miljoen op 30 juni 2015 is het gevolg van hogere handelsvorderingen.

Het eigen vermogen van UCB bedraagt € 5 128 miljoen, een toename van € 286 miljoen tussen 31 december 2014 en 30 juni 2015. De voornaamste wijzigingen houden verband met de nettowinst na minderheidsbelangen (€ 289 miljoen), positieve vreemde valuta (€ 297 miljoen), gecompenseerd door de dividenduitkering (€ 213 miljoen) en eigen aandelen (€ 103 miljoen).

De langlopende schulden bedragen € 3 296 miljoen, een verhoging met € 326 miljoen, en komen uit de emissie van ongedekte obligaties van hogere rangorde ter waarde van € 305 miljoen.

De kortlopende schulden bedragen € 2 135 miljoen, € 201 miljoen lager, ten gevolge van de terugbetaling van kortetermijnleningen, de vermindering van te betalen belastingen en verplichtingen aangehouden voor verkoop.

De nettoschuld steeg met € 202 miljoen, van € 1 611 miljoen eind december 2014 tot € 1 813 miljoen eind juni 2015m en komt hoofdzakelijk door de dividendbetaling op de resultaten van 2014, de aankoop van eigen aandelen gecompenseerd door de onderliggende netto rentabiliteit.

De nettowinst die kan worden toegerekend aan de aandeelhouders van UCB, aangepast voor de impact na belasting van niet-recurrente posten, éénmalige financiële posten, de bijdrage na belasting van niet-voortgezette activiteiten, en de nettoafschrijving op verkopen, leidt tot een kernnettowinst toegerekend aan de aandeelhouders van UCB van € 226 miljoen, wat een kern-WPA van € 1,18 weergeeft, tegenover € 0,96 in 2014, gebaseerd op een nietverwaterd gewogen gemiddeld aandelen van 192 miljoen en 191 miljoen, respectievelijk.

2.9. Kasstroomoverzicht

De evolutie van door de biofarmaceutische activiteiten gegenereerde kasstromen wordt beïnvloed door de volgende elementen:

  • De kasstroom uit bedrijfsactiviteiten bedroeg € 136 miljoen, in vergelijking met € 174 miljoen in 2014, waarvan € 129 miljoen uit voortgezette bedrijfsactiviteiten. Deze vermindering is voornamelijk het gevolg van de onderliggende netto rentabiliteit gecompenseerd door hogere belastingen betaald tijdens de periode.
  • De kasstroom uit investeringsactiviteiten kende een instroom van € 16 miljoen in 2015 in vergelijking met een uitstroom van € 86 miljoen in de eerste helft van 2014. De instroom is verbonden aan het verkoop van rijpe producten in Indië aan Dr. Reddy's voor € 110 miljoen, gecompenseerd door investeringen in materiële activa en immateriële activa.
  • De kasstroom uit financieringsactiviteiten kende een uitstroom van € 153 miljoen, wat bevat de betaling van dividend aan de aandeelhouders van UCB en beleggers van eeuwigdurende achtergestelde obligaties, de aankoop van eigen aandelen, de terugbetaling van kortetermijnlegingen gecompenseerd door de emissie van ongedekte obligaties van hogere rangorde ter waarde van € 350 miljoen.

2.10. Vooruitzichten voor 2015 aangepast

Voor 2015 verwacht UCB dat Cimzia® , Vimpat® en Neupro® zullen blijven groeien en bepalend zullen zijn voor de groei van de onderneming. Tegelijkertijd streeft UCB door te gaan en de lancering van mogelijke nieuwe oplossingen voor patiënten te voorbereiden.

De recurrente EBITDA wordt nu verwacht aan het hogere einde van het vorige bereik € 710-740 miljoen. De kernwinst per aandeel (WPA) wordt verwacht tussen € 1,90-2,05 op basis van gemiddeld 192 miljoen uitstaande aandelen.

3. Verkorte geconsolideerde winst- en verliesrekening

3.1. Verkorte geconsolideerde winst- en verliesrekening

Voor zes maanden, eindigend op 30 juni
€ miljoen
Toelichting 2015
Beperkt
nazicht
2014
Herwerkt1
Voortgezette bedrijfsactiviteiten
Netto-omzet 4.6 1 704 1 406
Royaltyinkomsten en -vergoedingen 85 80
Overige opbrengsten 128 105
Opbrengsten 1 917 1 591
Kostprijs van de omzet -548 -488
Brutowinst 1 369 1 103
Marketing- en verkoopkosten -433 -371
Onderzoeks- en ontwikkelingskosten -472 -439
Algemene en administratiekosten -99 -99
Overige bedrijfsbaten / -lasten (-) 4.9 -31 4
Operationele winst vóór bijzondere waardevermindering van
activa, reorganisatiekosten en overige bedrijfsbaten en –lasten
335 198
Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa 4.10 -1 -26
Reorganisatiekosten 4.11 -10 -14
Overige baten/ lasten (-) 4.12 91 -7
Operationele winst 415 152
Financiële inkomsten 4.13 32 31
Financieringskosten 4.13 -79 -98
Winst / verlies (-) vóór belastingen 369 85
Winstbelastingen (-) / tegoeden 4.14 -108 -23
Winst / verlies (-) uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 261 62
Beëindigde bedrijfsactiviteiten
Winst / verlies (-) uit beëindigde bedrijfsactiviteiten 4.8 28 51
Winst van de periode 289 113
Toerekenbaar aan de aandeelhouders van UCB NV 267 137
Toerekenbaar aan de minderheidsbelangen 22 -24
Gewone winst per aandeel (€)2
Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 1,24 0,71
Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten 0,15 0,01
Totale gewone winst per aandeel 1,39 0,72
Verwaterde winst per aandeel (€)3
Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 1,24 0,71
Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten 0,15 0,01
Totale verwaterde winst per aandeel 1,39 0,72

1 Herwerkt voor een overboeking naar beëindigde bedrijfsactiviteiten

2 Het gewogen gemiddelde aantal uitstaande aandelen tijdens de tussentijdse periode bedraagt voor de berekening van de gewone winst per aandeel 192 108 790 (2014: 190 661 655).

3 Het gewogen gemiddelde aantal uitstaande aandelen tijdens de tussentijdse periode bedraagt voor de berekening van de verwaterde winst per aandeel 192 108 790 (2014: 190 661 655).

3.2. Geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten

Voor zes maanden, eindigend op 30 juni
€ miljoen
2015
Beperkt
nazicht
2014
Gecontroleerd
Winst van de periode 289 113
Andere gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten
Posten die moeten worden overgeboekt naar de winst of het
verlies in latere perioden
Nettowinst/-verlies(-) op de voor verkoop beschikbare investeringen 2 -1
Wisselkoersverschillen op omzetting van buitenlandse activiteiten 284 32
Effectief gedeelte van winst/verlies(-) op kasstroomafdekkingen -10 -19
Nettowinst/-verlies(-) op afdekking van netto-investeringen in
buitenlandse activiteiten
Winstbelasting met betrekking tot de componenten van niet
gerealiseerde resultaten die worden overgeboekt naar de winst of
het verlies in latere perioden
Items niet toegewezen aan de winst- en verliesrekening in
toekomstige perioden
Herwaardering van toegezegd-pensioenverplichtingen 18 -48
Winstbelasting met betrekking tot de onderdelen van de andere
gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten niet toegewezen aan
de winst-en verliesrekening in toekomstige perioden
-4 3
Andere gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten,
winst/verlies(-), voor de periode na belastingen
289 -33
Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de
periode, na belastingen
Toerekenbaar aan de aandeelhouders van UCB NV 592 102
Toerekenbaar aan de minderheidsbelangen -13 -22
Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de
periode, na belastingen
578 80

3.3. Verkorte geconsolideerde balans

Activa
Vaste activa
4.15
Immateriële activa
1 187
1 219
4.16
Goodwill
5 123
4 882
4.17
Materiële vaste activa
739
686
Uitgestelde belastingvorderingen
734
682
4.18
175
178
Financiële en overige activa (inclusief afgeleide financiële elementen)
Totaal vaste activa
7 958
7 647
Vlottende activa
4.19
Voorraden
570
547
Handelsvorderingen en overige vorderingen
817
729
Te ontvangen belastingen
6
9
51
53
Financiële en overige activa (inclusief afgeleide financiële elementen)
Geldmiddelen en kasequivalenten
517
507
Verplichtingen die worden afgestoten, geclassifieerd als aangehouden
656
voor verkoop
640
Totaal vlottende activa
2 601
2 501
Totaal activa
10 559
10 148
Eigen vermogen en verplichtingen
Eigen vermogen
Geplaatst kapitaal en reserves toerekenbaar aan aandeelhouders van
4.20
5 280
5 002
UCB
4.27
Minderheidsbelangen
-152
-160
Totaal eigen vermogen
5 128
4 842
Langlopende verplichtingen
4.21
Leningen
350
341
4.22
Obligaties
1 739
1 406
4.23
265
275
Andere financiële verplichtingen (inclusief afgeleide financiële elementen)
Uitgestelde belastingverplichtingen
75
62
Personeelsbeloningen
419
430
4.24
Voorzieningen
300
308
Handels- en overige verplichtingen
148
148
Totaal langlopende verplichtingen
3 296
2 970
Kortlopende verplichtingen
4.21
Leningen
244
372
4.22
Obligaties
0
0
4.23
220
183
Andere financiële verplichtingen (inclusief afgeleide financiële elementen)
4.24
Voorzieningen
40
53
Handels- en overige verplichtingen
1 393
1 386
Te betalen belastingen
85
142
Verplichtingen die worden afgestoten geclassificeerd als aangehouden
153
200
voor verkoop
Totaal kortlopende verplichtingen
2 135
2 336
Totaal verplichtingen
5 431
5 306
Totaal eigen vermogen en verplichtingen
10 559
10 148
€ miljoen Toelichting 30 juni 2015
Beperkt nazicht
31 dec 2014
Gecontroleerd

3.4. Verkort geconsolideerd kasstroomoverzicht

Voor zes maanden, eindigend op 30 juni
€ miljoen
Toe
lichting
2015
Beperkt
nazicht
2014
Herwerkt1
Winst toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB 267 137
Minderheidsbelangen 22 -24
Aanpassing voor niet-geldelijke transacties 4.25 28 70
Aanpassing voor posten te vermelden onder kasstromen uit operationele activiteiten 4.25 123 48
Aanpassing voor posten te vermelden onder kasstromen uit investerings- en
financieringsactiviteiten
4.25 -65 40
Wijzigingen in het werkkapitaal 4.25 -46 10
Kasstromen uit bedrijfsactiviteiten 329 281
Betaalde belastingen gedurende de periode -193 -107
Netto kasstromen gebruikt voor (-) / uit bedrijfsactiviteiten 136 174
Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 129 165
Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten 7 9
Netto kasstromen uit bedrijfsactiviteiten 136 174
Verwerving van immateriële activa -65 -31
Verwerving van materiële vaste activa -32 -60
Verwerving van dochterondernemingen, na aftrek van verworven geldmiddelen -3 -10
Verwerving van overige investeringen -3 0
Subtotaal verwervingen -103 -101
Ontvangsten uit verkoop van immateriële vaste activa 0 12
Ontvangsten uit verkoop van materiële vaste activa 1 3
Ontvangsten uit verkoop van bedrijfsactiviteiten, na aftrek van overgedragen
geldmiddelen
110 0
Ontvangsten uit de verkoop van andere investeringen 8 0
Ontvangen dividenden 0 0
Subtotaal ontvangsten 119 15
Netto kasstromen gebruikt voor (-) / uit investeringsactiviteiten: 16 -86
Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 23 -77
Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten -7 -9
Netto kasstromen uit investeringsactiviteiten 16 -86
Ontvangsten uit kapitaalsuitgifte 0 0
Ontvangsten uit uitgifte van obligaties 350 0
Terugkoop van obligaties (-) 0
Ontvangsten uit leningen 155 186
Terugbetaling van leningen (-) -302 -186
Terugbetaling van verplichtingen uit hoofde van financiële leasingovereenkomsten -1 -2
Inkoop / uitgifte van eigen aandelen -101 47
Uitgekeerde dividenden aan aandeelhouders van UCB, na aftrek van dividenden betaald
op eigen aandelen
-225 -222
Ontvangen rente 16 5
Betaalde rente -45 -29
Netto kasstromen uit financieringsactiviteiten -153 -201
Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten -153 -201
Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten 0 0
Netto kasstromen uit financieringsactiviteiten -153 -201
Netto toename / afnamen (-) van geldmiddelen en kasequivalenten -1 -113
Uit voortgezette bedrijfsactiviteiten -1 -113
Uit beëindigde bedrijfsactiviteiten 0 0
Netto geldmiddelen en kasequivalenten aan het begin van de periode 507 745
Effect van wisselkoersschommelingen 4 1
Netto geldmiddelen en kasequivalenten aan het einde van de periode 509 633

1 Herwerkt voor een overboeking naar beëindigde bedrijfsactiviteiten

3.5. Verkort geconsolideerd overzicht van de wijzigingen in het eigen vermogen

Toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB NV
€ miljoen Aandelenkapitaal
en uitgiftepremies
Hybride kapitaal Ingekochte eigen
aandelen
Overgedragen
resultaat
Overige reserves omrekeningsversc
Cumulatieve
hillen
Voor verkoop
investeringen
beschikbare
Kasstroomafdekkin
gen
netto-investeringen
Afdekking van
Totaal Minderheidsbelang
en
Totaal eigen
vermogen
Balans per donderdag
1 januari 2015
2 614 295 -173 2 515 -96 -193 13 -28 55 5 002 -160 4 842
Winst van de periode 267 267 22 289
Overige gerealiseerde en niet 14 297 2 -10 302 -13 289
gerealiseerde (-) resultaten
Totaal gerealiseerde en niet
gerealiseerde resultaten 267 14 297 2 -10 570 8 578
Kapitaalsverhoging
Dividenden -202 -202 -202
Op aandelen gebaseerde
betalingen
25 25 25
Overboeking tussen reserves -4 4 0 0
Ingekochte eigen aandelen
Dividend aan aandeelhouders
van eeuwigdurende
achtergestelde obligaties
-103 -12 -103
-12
-103
-12
Verworven niet controlerend
belangen
Balans per 30 juni 2015
(beperkt nazicht)
2 614 295 -281 2 598 -82 104 14 -38 55 5 280 -152 5 128
Balans per 1 januari 2014 2 154 295 -167 2 509 61 -470 -6 22 55 4 454 -131 4 323
Winst van de periode 137 137 -24 113
Overige gerealiseerde en niet
gerealiseerde (-) resultaten
-45 30 -1 -19 -35 2 -33
Totaal gerealiseerde en niet
gerealiseerde resultaten
137 -45 30 -1 -19 102 -22 80
Kapitaalsverhoging 460 460 460
Dividenden -199 -199 -199
Op aandelen gebaseerde
betalingen
13 13 13
Overboeking tussen reserves 14 -14 0 0
Ingekochte eigen aandelen 33 33 33
Aandelencomponent
gekoppeld aan de
converteerbare obligatie
-41 -41 -41
Dividend aan aandeelhouders
van eeuwigdurende
achtergestelde obligaties
-12 -12 -12
Bedrijfscombinaties 0 0
Balans per 30 juni 2014
(beperkt nazicht)
2 614 295 -120 2 435 -25 -439 -7 3 55 4 810 -153 4 657

4. Toelichting

4.2. Algemene informatie

UCB NV (UCB of "de Vennootschap") en haar dochterondernemingen (samen "de Groep") vormen een wereldwijde biofarmaceutische onderneming die zich toespitst op ernstige ziekten in twee therapeutische gebieden, neurologie en immunologie.

Deze verkorte geconsolideerde tussentijds financiële informatie van de Vennootschap voor de eerste zes maanden eindigend op 30 juni 2015 (hierna 'de tussentijdse periode') bevat de Vennootschap en haar dochterbedrijven. Binnen de Groep heeft UCB Pharma NV en UCB S.R.O, beide een 100 % dochteronderneming, een bijkantoor in het V.K. en Slovakije, die integraal in haar jaarrekening wordt opgenomen.

4.3. Grondslag voor de opstelling

Deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie is opgesteld conform International Accounting Standard (IAS) 34 ('Tussentijdse financiële verslaggeving'), zoals goedgekeurd door de Europese Unie.

Dit tussentijds verslag bevat niet alle informatie die verplicht gerapporteerd moet worden in de volledige geconsolideerde jaarrekening en moet samen met de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2014 worden gelezen, die is opgesteld in overeenstemming met IFRS.

4.4. Grondslagen voor de verslaglegging

Deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie is opgesteld volgens dezelfde grondslagen voor de financiële verslaggeving als deze die gebruikt zijn bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening van de Groep afgesloten per 31 december 2014.

UCB NV, de moedermaatschappij, is een naamloze vennootschap die in België opgericht en gevestigd is. De hoofdzetel is gevestigd aan de Researchdreef 60 te B-1070 Brussel, België. UCB NV is genoteerd op de beurs Euronext Brussels.

Dit verkort geconsolideerd tussentijds financieel verslag werd op 30 juli 2015 goedgekeurd voor publicatie door de Raad van Bestuur. Dit verkort geconsolideerd tussentijds financieel verslag werd beperkt nagezien, niet geauditeerd.

De geconsolideerde jaarrekening van de Groep voor het jaar dat eindigde per 31 december 2014 is verkrijgbaar op de UCB website.

Dit geconsolideerd tussentijds financieel verslag is uitgedrukt in euro (€) en alle waarden zijn afgerond tot het dichtstbijzijnde miljoen, tenzij anders vermeld.

Effect op de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten

De onderstaande tabel geeft een overzicht van de impact van de herindeling van de resultaten van Kremers Urban Pharmaceuticals Inc. als beëindigde bedrijfsactiviteiten (zie Toelichting 4.8) op het overzicht van gerealiseerde en nietgerealiseerde resultaten voor de eerste helft van 2014.

Juni 2014
€ miljoen
Zoals
oorspronkelijk
weergegeven
Herindeling voor
beëindigde
bedrijfsactiviteiten
Zoals
heringedeeld
Netto-omzet 1 562 -156 1 406
Royaltyinkomsten en -vergoedingen 81 -1 80
Overige opbrengsten 114 -9 105
Opbrengsten 1 757 -166 1 591
Kostprijs van de omzet -562 74 -488
Brutowinst 1 195 -92 1 103
Marketing- en verkoopkosten -375 4 -371
Onderzoeks- en ontwikkelingskosten -446 7 -439
Algemene en administratiekosten -102 2 -99
Overige bedrijfsbaten/-lasten (-) 2 2 4
Operationele winst vóór bijzondere waardevermindering
van activa, reorganisatiekosten en overige bedrijfsbaten
en –lasten
274 -76 198
Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa -26 0 -26
Reorganisatiekosten -14 0 -14
Overige baten/ lasten (-) -7 1 -6
Operationele winst 227 -75 152
Financiële inkomsten 31 0 31
Financieringskosten -98 0 -98
Winst / verlies (-) vóór belastingen 160 -75 85
Winstbelastingen (-) / tegoeden -48 26 -23
Winst / verlies (-) uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 112 -49 62
Beëindigde bedrijfsactiviteiten 1 49 50
Winst 113 0 113
Toerekenbaar aan aandeelhouders van UCB 137 0 137
Toerekenbaar aan de minderheidsbelangen -24 0 -24

4.5. Schattingen

De opstelling van deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie vereist dat het management een oordeel vormt, schattingen en veronderstellingen maakt die een invloed hebben op de toepassing van de grondslagen voor de verslaglegging en op de gerapporteerde bedragen van activa en verplichtingen, opbrengsten en lasten.

Bij de opstelling van deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie waren de belangrijke oordelen die het management heeft gevormd bij de toepassing van de door de Groep gehanteerde grondslagen voor financiële verslaglegging en de belangrijke bronnen van schattingsonzekerheden dezelfde als die welke van toepassing waren op de geconsolideerde financiële staten voor het jaar eindigend op 31 december 2014.

4.6. Financieel risicobeheer

Financiële risicofactoren

De Groep is blootgesteld aan verscheidene financiële risico's die voortvloeien uit zijn onderliggende activiteiten en vennootschappelijke financiële activiteiten. Deze financiële risico's bestaan uit marktrisico's (waaronder valutarisico's, renterisico's en prijsrisico's), kredietrisico's en liquiditeitsrisico's. Dit verkort geconsolideerd financieel verslag bevat niet alle informatie over het financieel risicobeheer en de informatieverschaffing die vereist is in de jaarrekening en dient samen met de jaarrekening van de Groep per 31 december 2014 gelezen te worden. Er waren geen wijzigingen in het Financial Risk Management Committee (FRMC).

Liquiditeitsrisico

Het liquiditeitsrisico is het risico dat de Groep niet in staat zal zijn om zijn financiële verplichtingen na te komen op de vervaldag. De aanpak van de Groep voor liquiditeitenbeheer bestaat erin zoveel mogelijk te zorgen dat hij altijd over voldoende liquide middelen beschikt om zijn verplichtingen op de vervaldag na te komen, in normale omstandigheden, zonder onaanvaardbare verliezen te lijden en zonder te riskeren dat de reputatie van de Groep wordt aangetast.

In vergelijking met eind vorig jaar waren er geen wezenlijke wijzigingen in de contractuele nietverdisconteerde kasuitstromen voor financiële verplichtingen.

Financiële activa tegen reële waarde

Schatting van reële waarde

IFRS 7 vereist informatieverschaffing over de waardering van de reële waarde volgens de volgende hiërarchie:

  • Niveau 1 Genoteerde (niet aangepaste) prijzen op actieve markten voor identieke activa en verplichtingen;
  • Niveau 2 Andere technieken waarvan alle inputs die een aanzienlijk effect hebben op de geboekte reële waarde, waarneembaar zijn, hetzij direct, hetzij indirect;
  • Niveau 3 Technieken die inputs gebruiken die een aanzienlijk effect op de geboekte reële waarde hebben die niet op observeerbare marktgegevens zijn gebaseerd.

Alle toegelichte reële waarde waarderingen zijn recurrente reële waarde waarderingen.

Als gevolg van de toepassing van IFRS 13, geeft de Groep de krediet en niet-performante risico's in de waarderingstechnieken weer, maar deze veranderingen hadden geen materiële impact op de waardering.

De onderstaande tabel geeft de financiële activa en passiva weer van de Groep, gemeten tegen de reële waarde op 30 juni 2015, en is gegroepeerd in overeenstemming met de reële waarde hiërachie.

€ miljoen - 30 juni 2015 Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Totaal
Voor verkoop beschikbare activa
Genoteerde aandelen 41 0 0 41
Genoteerde schuldinstrumenten 3 0 0 3
Afgeleide financiële activa
Valutatermijncontracten – kasstroomafdekkingen 0 11 0 11
Termijncontracten - reële waarde via winst of verlies 0 16 0 16
Rentederivaten – kasstroomafdekkingen 0 0 0 0
Rentederivaten – reële waarde via winst of verlies 0 48 0 48

Financiële passiva tegen reële waarde

€ miljoen - 30 juni 2015 Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Totaal
Afgeleide financiële passiva
Valutatermijncontracten – kasstroomafdekkingen 0 48 0 48
Termijncontracten - reële waarde via winst of verlies 0 39 0 39
Rentederivaten – kasstroomafdekkingen 0 4 0 4
Rentederivaten – reële waarde via winst of verlies
Andere financiële verplichtingen, exclusief afgeleide financiële instrumenten
0 5 0 5
Warranten 0 0 194 194

De onderstaande tabellen geven de financiële activa en passiva weer van de Groep, gemeten tegen de reële waarde op 31 december 2014 en zijn gegroepeerd in overeenstemming met de reële waarde hiërachie.

Financiële activa tegen reële waarde

€ miljoen - 31 december 2014 Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Totaal
Voor verkoop beschikbare activa
Genoteerde aandelen 43 0 0 43
Genoteerde schuldinstrumenten 2 0 0 2
Afgeleide financiële activa
Valutatermijncontracten – kasstroomafdekkingen 0 13 0 13
Termijncontracten - reële waarde via winst of verlies 0 22 0 22
Rentederivaten – kasstroomafdekkingen 0 0 0 0
Rentederivaten – reële waarde via winst of verlies 0 55 0 55

Financiële passiva tegen reële waarde

€ miljoen - 31 december 2014 Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Totaal
Afgeleide financiële passiva
Valutatermijncontracten – kasstroomafdekkingen 0 40 0 40
Termijncontracten - reële waarde via winst of verlies 0 36 0 36
Rentederivaten – kasstroomafdekkingen 0 3 0 3
Rentederivaten – reële waarde via winst of verlies 0 7 0 7
Andere financiële verplichtingen, exclusief afgeleide financiële instrumenten
Warranten 0 0 183 183

In de tussentijdse periode vonden geen overboekingen plaats tussen niveau 1 en niveau 2 van reëlewaardebepalingen, en geen overboekingen van en naar niveau 3 van reële-waardebepalingen.

Waarderingstechnieken voor de reële-waardebepalingen binnen niveau 2 van de reële waarde-hiërarchie gebruiken ofwel de "verdisconteerde cash flow" of de "Black en Scholes" methode (alleen voor FX opties) en publiek beschikbare marktinformatie.

Reële-waardebepalingen met gebruik van significante onobserveerbare input (niveau 3).

De reële waarde van de door een dochteronderneming uitgegeven warranten wordt bepaald via een modelberekening van de verdisconteerde netto contante waarde van de geschatte kasuitstromen. De waarde van de warranten is gebaseerd op de winstgevendheid van de dochteronderneming en de belangrijkste in het waarderingsmodel toegepaste hypothesen omvatten onobserveerbare inputs voor verwachte omzet en mijlpaalgebeurtenissen.

De volgende tabel laat de wijzigingen zien bij niveau 3-instrumenten.

€ miljoen Warranten
1 januari 2015 183
Contante aankoop van extra warrants 0
Contante regeling van warrants -15
Effect van wijzigingen in de reële waarde opgenomen in de winst- en verliesrekening 11
Effect van wisselkoerswijzigingen 15
30 juni 2015 194

Wisselkoersen

De volgende belangrijkste wisselkoersen zijn gebruikt bij de opstelling van deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie:

Equivalent van € 1 Slotkoers
Gemiddelde koers
30 juni 2015 31 december 2014 30 juni 2015 30 juni 2013
USD 1,115 1,210 1,115 1,371
JPY 136,190 145,010 134,094 140,407
GBP 0,709 0,777 0,732 0,821
CHF 1,043 1,203 1,056 1,221

4.7. Gesegmenteerde informatie

De Groep is actief in één bedrijfssegment, biofarmaceutica.

Er zijn geen andere belangrijke bedrijfsklassen, noch afzonderlijk, noch gezamenlijk. De belangrijkste besluitvormers van het bedrijf, het Uitvoerend Comité, herzien de bedrijfsresultaten en bedrijfsplannen, en nemen beslissingen op het gebied van de allocatie van middelen voor het hele bedrijf, en derhalve functioneert UCB als één segment.

Hierna volgt informatie voor het geheel van de onderneming over de netto-omzet per product, de geografische markten en de inkomsten uit de belangrijkste klanten:

Omzet per product informatie

Voor zes maanden, eindigend op 30 juni 2015
Beperkt
2014
Herwerkt1
€ miljoen nazicht
Cimzia® 490 353
Keppra® (inclusief Keppra® XR) 385 339
Vimpat® 323 217
Neupro® 129 102
Zyrtec® (inclusief Zyrtec-D® /
Cirrus®
)
92 93
Xyzal® 60 48
venlafaxine ER 34 17
Nootropil® 27 26
Overige producten 164 211
Totale netto-omzet 1 704 1 406

1 Herwerkt voor een overboeking naar beëindigde bedrijfsactiviteiten

Geografische informatie

De onderstaande tabel toont de netto-omzet van elke geografische markt waar zich klanten bevinden:

Voor zes maanden, eindigend op 30 juni
€ miljoen
2015
Beperkt
nazicht
2014
Herwerkt1
Verenigde Staten 775 499
Opkomende markten2 172 147
Europa – overige (exclusief België) 167 156
Japan 124 114
Duitsland 117 115
Italië 80 80
Frankrijk (inclusief Franse gebieden) 79 78
Spanje 76 68
VK en Ierland 66 59
België 18 16
Internationale markten 76 62
Niet toegewezen -46 12
Totale netto-omzet 1 704 1 406

1 Herwerkt voor een overboeking naar beëindigde bedrijfsactiviteiten

2 Opkomende markten: Brazilië, Rusland, Indië, China, Mexico en Turkije

De onderstaande tabel geeft de materiële vaste activa weer voor iedere geografische markt waarin de activa zich bevinden:

Voor zes maanden, eindigend op 30 juni
€ miljoen
2015
Beperkt
nazicht
2014
Gecontroleerd1
Zwitserland 324 289
België 243 238
VS 31 28
VK en Ierland 88 84
Duitsland 19 20
Opkomende markten2 18 17
Japan 9 9
Spanje 0 0
Andere landen 2 1
Totaal activa (materiële vaste activa) 734 686

1 De rapporteringsdatum voor de vergelijkende periode is 31 december 2014.

2 Opkomende markten: Brazilië, Rusland, Indië, China, Mexico en Turkije

Informatie over belangrijke klanten

UCB heeft 1 klant die individueel meer dan 14% van de totale netto-omzet vertegenwoordigt op het einde van juni 2015.

4.8. Seizoensgebonden activiteiten

De opbrengsten van de Groep in de biofarmaceutische segment zijn afkomstig van de allergiefranchise opbrengsten en varieert volgens de hevigheid van het pollenseizoen in de verschillende geografische gebieden waar de Groep actief is.

In de VS (exclusief Kremers Urban) vertegenwoordigde de verkoop aan 3 groothandelaars ongeveer 82% van de omzet in de VS (juni 2014: 93%).

Nochtans, kan er op een geconsolideerde basis, geen systematisch of voorspelbaar seizoensgebonden karakter in de bedrijfsactiviteiten van de Groep in zijn geheel onderkend worden.

4.9. Vaste activa en groepen activa die worden afgestoten, aangehouden voor verkoop en beëindigde activiteiten

In november 2014 heeft de Raad van Bestuur van UCB het plan om de Amerikaanse dochteronderneming van de Groep gespecialiseerd in specialty generics, Kremers Urban Pharmaceuticals Inc. ("KU") af te stoten, unaniem goedgekeurd. De bedoeling hiervan was de focus van de Groep op de lange termijn op de kernactiviteiten binnen de neurologie en immunologie verder te verbeteren. De Groep is actief op zoek naar een koper en verwacht de verkoop in 2015 af te ronden. Er zijn met betrekking tot KU geen bijzondere waardeverminderingsverliezen geboekt.

De resultaten van de beëindigde activiteiten die zijn opgenomen in de jaarwinst omvatten KU (hieronder uiteengezet) en de gedeeltelijke tegenboeking van provisies voor voormalige folie- en chemische activiteiten van € 0 miljoen (2014: € 1 miljoen), waaronder de beëindiging van milieuvorderingen voor vestigingen

waarvoor UCB aansprakelijkheid droeg en die in de voorbije twaalf maanden werden vereffend.

De vergelijkende winst- en kasstromen van beëindigde activiteiten zijn opnieuw gepresenteerd om de betreffende activiteiten als beëindigd te classificeren in het lopende jaar. De kasstromen van beëindigde activiteiten worden afzonderlijk vermeld in het kasstroomoverzicht.

Jaarwinst uit beëindigde activiteiten met betrekking tot KU

Voor zes maanden, eindigend op 30 juni
€ miljoen
2015
Beperkt nazicht
2014
Herwerkt1
Netto-omzet 146 156
Royaltyinkomsten en -vergoedingen 1 1
Overige opbrengsten 11 9
Opbrengsten 158 166
Kostprijs van de omzet -89 -74
Brutowinst 69 92
Marketing- en verkoopkosten -5 -4
Onderzoeks- en ontwikkelingskosten -13 -7
Algemene en administratiekosten -2 -2
Overige bedrijfsbaten / -lasten (-) -2 -2
Operationele winst vóór bijzondere waardevermindering van activa,
reorganisatiekosten en overige bedrijfsbaten en –lasten
46 76
Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa 0 0
Reorganisatiekosten -3 0
Overige baten/ lasten (-) 0 -1
Operationele winst 43 75
Financiële inkomsten 0 0
Financieringskosten 0 0
Winst / verlies (-) vóór belastingen 43 75
Winstbelastingen (-) / tegoeden -15 -26
Winst / verlies (-) uit voortgezette bedrijfsactiviteiten (toerekenbaar aan
aandeelhouders van UCB)
28 49

De gerelateerde activa en passiva voor KU werden opnieuw geclassificeerd als aangehouden voor verkoop. Omdat de verkoopprijs hoger ligt dan de boekwaarde, is er geen waardevermindering geboekt.

€ miljoen 2015 2014
Immateriële activa 58 47
Goodwill 160 147
Materiële vaste activa 84 77
Overige langetermijn 13 31
Voorraden 49 50
Handelsvorderingen en overige vorderingen 248 304
Geldmiddelen 1 0
Overige kortetermijn 26 0
Verplichtingen die worden afgestoten, geclassifieerd als aangehouden voor verkoop 638 656
Voorzieningen 6 6
Overige langetermijn 16 13
Handels- en overige verplichtingen 121 171
Overige kortetermijn 10 10
Verplichtingen van KU die verband houden met activa geclassificeerd als
aangehouden voor verkoop
153 200
Netto-activa van KU geclassificeerd als aangehouden voor verkoop 485 456

Per eind juni 2015 is er een positief cumulatief omrekeningsverschil van € 28 miljoen opgenomen in niet-gerealiseerde resultaten met betrekking tot de groep activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop.

4.10. Overige bedrijfsbaten / -lasten (-)

De overige bedrijfsopbrengsten/-uitgaven (-) bedroegen € 31 miljoen opbrengsten in de tussentijdse periode (2014: € 4 miljoen opbrengsten) en bestaan voornamelijk uit de afschrijving van niet-productiegerelateerde immateriële activa, de vergoeding van Amerikaanse merkgeneesmiddelen op voorschrift in de VS en de

waardevermindering van handelsvorderingen in verband met de Griekse crisis.

In 2014 waren de opbrengsten verbonden aan de terugbetaling door derden van ontwikkelingskosten en terugname van voorzieningen.

4.11. Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa

Op het einde van elke rapporteringsperiode beoordeelt het management of er een indicatie is dat een actief in waarde zou zijn verminderd. Als deze indicatie aanwezig is, raamt het management het recupereerbare bedrag van het actief om na te gaan of er een uitzonderlijke waardevermindering moet worden erkend. Uitzonderlijke waardeverminderingen die in vorige tussentijdse perioden voor bepaalde nietfinanciële activa werden erkend, worden niet teruggenomen.

In de loop van de eerste helft van 2015 herzag management de niet-financiële activa op bijzondere

waardeverminderingen (inclusief immateriële activa en goodwill) op basis van externe en interne indicatoren en boekte een bijzondere waardevermindering van € 1 miljoen. In 2014, een waardevermindering van € 35 miljoen werd herkend, vooral in verband met de immateriële activa tozadenant, gecompenseerd door de terugneming van de waarvermindering van € 8 miljoen in verband met de beschadigde biotechfabriek in Bulle (Zwitserland).

4.12. Reorganisatiekosten

De reorganisatiekosten van € 10 miljoen (2014: € 14 miljoen) waren toe te schrijven aan afvloeiingskosten.

4.13. Overige baten en lasten

De overige baten / lasten (-) bedroegen € 91 miljoen in 2015 (2014: € 7 miljoen kosten) en is voornamelijk het gevolg van de winst van € 105 miljoen op de verkoop van de gevestigde merken in Indië aan Dr. Reddy's (nettoactiva voor een bedrag van € 5 miljoen), vooral gecompenseerd door juridische kosten.

In de eerste helft van 2014, de kosten waren gerelateerd aan de gedeeltelijke omkering van de verzekering met betrekking tot de beschadigde biotechfabriek in Bulle (Zwitserland), gecompenseerd door een winst op afstotingen van immateriële vaste activa.

4.14. Financiële opbrengsten en financieringskosten

De financiële baten en lasten bedroegen € 47 miljoen aan lasten (2014: € 67 miljoen).

4.15. Winstbelastingen (-) / tegoeden

De Groep is actief in verschillende landen en is bijgevolg onderworpen aan winstbelastingen in veel verschillende fiscale jurisdicties, met name in rechtsgebieden waar de belangrijke O&O activiteiten plaatsvinden.

Voor zes maanden, eindigend op 30 juni 2015 2014
€ miljoen Beperkt nazicht Herwerkt
Over de verslagperiode verschuldigde winstbelasting -116 -93
Uitgestelde winstbelasting 8 70
Totale winstbelastingen (-) / tegoeden -108 -23

.

De geconsolideerde effectieve aanslagvoet voor de Groep met betrekking tot de voortgezette activiteiten voor de zes maanden bedraagt 29,3% (2014: 26,4%).

De effectieve aanslagvoet van de Groep exclusief éénmalige posten is 32,7% (2014: 18,5%).

De verhoging van de effectieve aanslagvoet voor deze periode houdt hoofdzakelijk verband met de vermindering van fiscale verliezen beschikbaar voor gecompenseerd

tegenover toekomstige belastbare winsten als gevolg van een fiscale controle in een rechtsgebied. De Groep heeft bijkomende uitgestelde belastingvorderingen in verband met ongebruikte verliezen in andere rechtsgebieden, maar de impact hiervan op de effectieve belastingvoet werd gedeeltelijk gecompenseerd door recurrente nietaftrekbare lasten in een rechtsgebied met een hoge belastingvoet.

4.16. Immateriële activa

Tijdens de periode voegde de Groep ongeveer € 19 miljoen (2014: € 11 miljoen) immateriële activa met betrekking tot licentieovereenkomsten. Daarnaast activeerde de Groep € 22 miljoen (2014: € 13 miljoen) voor software en gekapitaliseerde ontwikkelingskosten voor in aanmerking komende software.

In de eerste helft van het jaar boekte de Groep waardeverminderingen op zijn immateriële activa voor een bedrag van € 1 miljoen (2014: € 35 miljoen met betrekking tot tozadenant). De bijzondere waardeverminderingen staan nader omschreven in

Toelichting 4.10 en zijn in de winst- en verliesrekening opgenomen onder de rubriek "Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa".

Er werden geen materiële verkopen van immateriële activa gerealiseerd in de tussentijdse periode.

De afschrijvingslast voor de periode bedroeg € 90 miljoen (2014: € 83 miljoen).

Het effect van wisselkoersschommelingen bedroeg € +37 miljoen (2014: € +9 miljoen).

4.17. Goodwill

De goodwill werd voor een bedrag van € 241 miljoen beïnvloed door wisselkoersschommelingen.

In de eerste helft van het jaar boekte de Groep geen bijzondere waardeverminderingslasten op zijn goodwill.

4.18. Materiële vaste activa

Tijdens de periode investeerde de Groep ongeveer € 32 miljoen (2014: € 60 miljoen) voor verwerving van nieuw materiaal.

De Groep verkocht ook diverse materiële vaste activa, met een boekwaarde van ongeveer € 2 miljoen (2014: € 3 miljoen).

Na de herziening van de materiële vaste activa voor een indicatie van bijzondere waardevermindering, € 0 miljoen (2014: € -0 miljoen) van bijzondere waardeverminderingen werd beoordeeld voor de periode

4.19. Financiële en overige activa

De niet-courante financiële en overige activa bedroegen € 175 miljoen op 30 juni 2015 (2014: € 178 miljoen).

De daling heeft te maken met de verkoop van de Biotie aandelen, gecompenseerd door de verhoging van de reële waarde van de investeringen in Wilex en Dermira.

4.20. Waardevermindering op voorraden

De kostprijs van de omzet voor de zes maanden eindigend op 30 juni 2015 bevat een bedrag van € 9 miljoen (2014: € 9 miljoen) met betrekking tot afschrijvingen van voorraden om te komen tot de netto opbrengstwaarde van de aangehouden voorraden.

2014, met betrekking op de terugboeking van de waardevermindering als gevolg van de schade in de biotechfabriek in Bulle (Zwitserland).

De afschrijvingslast voor de periode bedroeg € 41 miljoen (2014: € 28 miljoen).

Als gevolg van wisselkoerswijzigingen, de nettoboekwaarde van materiële vaste activa steeg tot € 39 miljoen (2014: € 28 miljoen).

4.21. Kapitaal en reserves

Aandelenkapitaal en uitgiftepremies

Het geplaatst kapitaal van de Vennootschap bedraagt € 584 miljoen per 30 juni 2015 (2014: € 584 miljoen) en wordt vertegenwoordigd door 194 505 658 aandelen (2014: 194 505 658 aandelen). Er is geen maatschappelijk niet-geplaatst kapitaal.

Op 30 juni 2015 bedroegen de uitgiftepremies € 2 030 miljoen (2014: € 2 030 miljoen)

Hybride kapitaal

Op 18 maart 2011 rondde UCB N.V. de plaatsing van € 300 miljoen eeuwigdurende achtergestelde obligaties ('de obligaties') af. Deze werden uitgegeven tegen 99,499% en bieden beleggers jaarlijks een coupon van 7,75% gedurende de eerste vijf jaar. De obligaties hebben geen eindvervaldag maar UCB heeft het recht om de obligaties af te lossen op de vijfde verjaardag van hun uitgifte, op 18 maart 2016 en ieder kwartaal daarna. Na de eerste oproepdatum is de interest gebaseerd op 3 maanden vlottende EURIBOR +988,9 bps. De obligaties zijn genoteerd op de beurs van Luxemburg.

De achtergestelde obligaties met een eeuwigdurende looptijd worden beschouwd als een eigenvermogensinstrument voor de Groep conform IAS 32: Financiële instrumenten en wel hierom:

  • de obligaties hebben een eeuwigdurende looptijd;
  • ze zijn achtergesteld;
  • en UCB mag verkiezen om de interestbetalingen over te dragen indien er geen verplichte betaling plaatsvonden in de voorbije 12 maanden gerelateerd tot junior effecten of terugkopen of de afkoop van de nominale waarde van de junior effecten.

Dienovereenkomstig werd de rente niet gepresenteerd als rentelasten in de winst-en-verliesrekening, maar werd ze geboekt in overeenstemming met de boekingen van dividenden aan aandeelhouders, die vervat zijn in het 'Overzicht van wijzigingen in het eigen vermogen'. Eventuele transactiekosten worden in mindering gebracht van het hybride kapitaal, rekening houdend met belastingeffecten.

Het hybride kapitaal bedroeg € 295 miljoen per 30 juni 2015. De dividenden gerelateerd tot de eerste helft van 2015 bedragen € 12 miljoen voor de aandeelhouders van de eeuwigdurende achtergestelde obligaties werden geboekt in het overgedragen resultaat.

Ingekochte eigen aandelen

De Groep verwierf 4 434 675 aandelen (juni 2014: 3 186 638) van UCB NV voor een totaal bedrag van € 195 miljoen (juni 2014: € 120 miljoen) en verkocht 2 096 134 eigen aandelen (2014: 4 320 694 eigen aandelen) voor een totaal bedrag van € 94 miljoen (juni 2014: € 116 miljoen) in de eerste helft van het jaar.

De Groep behield 5 810 030 eigen aandelen, waarvan 3,15 miljoen gerelateerd tot aandelenruil, per 30 juni 2015 (december 2014: 3 471 489 aandelen waarvan 3,1 miljoen gerelateerd tot aandelenruil). Deze ingekochte eigen aandelen werden verworven om te kunnen voldoen aan de uitoefening van de aandelenopties en de toegekende aandelen die aan de Raad van Bestuur en aan bepaalde categorieën van werknemers toegekend werden.

In het lopende jaar werden 935 000 callopties op UCBaandelen aangekocht voor een totaal van € 13 miljoen eigen aandelen.

Overige reserves

De overige reserves bedragen € -82 miljoen (2014: € - 96 miljoen) en omvatten de volgende items:

  • de IFRS-acquisitiemeerwaarde die werd gerealiseerd tijdens de Schwarz Pharma-bedrijfscombinatie voor € 232 miljoen (2014: € 232 miljoen);
  • de herwaarderingswaarde van de toegezegdpensioenverplichting voor € -280 miljoen (2014: € - 294 miljoen), werd hoofdzakelijk beïnvloed door de disconteringsvoeten;
  • de aankoop van de resterende 25% minderheidsbelangen in Schwarz Pharma Zuhai Company Ltd. voor € -11 miljoen (2014: € -11 miljoen); en
  • de aankoop van de resterende 30% minderheidsbelangen in Meizler Biopharma voor € - 23 miljoen (2014: € -23 miljoen).

Cumulatieve omrekeningsverschillen

De cumulatieve omrekeningsverschillen vertegenwoordigen de cumulatieve valutaomrekeningsverschillen die ontstaan bij de consolidatie van bedrijven van de Groep die andere functionele valuta dan de euro (€) gebruiken.

4.22. Leningen

Op 30 juni 2015 was de gewogen gemiddelde rentevoet van de Groep gelijk aan 3,47% (juni 2014: 4,43%) vóór afdekking. Betalingen van variabele rente zijn aan specifieke kasstroomafdekkingen onderhevig en betalingen van vaste rente zijn aan reële waarde-afdekkingen onderhevig, waardoor de gewogen gemiddelde rentevoet voor de Groep uitkomt op 2,99% (juni 2014: 3,15%) na afdekking.

Naast de uitstaande obligaties in de kapitaalmarkten en de gesyndiceerde leningsovereenkomst (niet getrokken per 30 juni 2015) beschikt UCB over bepaalde bindende en nietbindende bilaterale financieringsovereenkomsten alsook over een Belgisch commercial paper programma.

De evolutie van de schuldgraad van de Groep (op lange en korte termijn, inclusief financiële leasingverplichtingen) wordt hieronder weergegeven:

Boekwaarde Reële waarde
€ miljoen 2015 2014 (gecontroleerd)1 2015 2014 (gecontroleerd)1
Langlopend
Bankleningen 340 332 340 332
Overige langetermijnleningen 0 0 0 0
Financiële leases 10 9 10 9
Totaal langlopende leningen 350 341 350 341
Kortlopende verplichtingen
Bankvoorschotten in rekening-courant 9 0 9 0
Kortlopende component van bankleningen 155 195 155 195
Schuldpapier en andere kortetermijnleningen 80 175 80 175
Financiële leases 0 3 0 3
Totaal kortlopende leningen 244 372 244 372
Totaal leningen 594 714 594 714

1 De rapporteringsdatum voor de vergelijkende periode is 31 december 2014.

4.23. Obligaties

De boekwaarde en reële waarde van obligaties zijn als volgt:

€ miljoen Coupon Eind
verval
Boekwaarde Reële waarde
rente dag 2015 2014 (gecontroleerd)1 2015 2014 (gecontroleerd)1
Langlopend
Institutionele euro-obligatie 5,750% 2016 510 515 534 546
EMTN programma 3,284% 2019 20 20 20 20
EMTN programma 3,292% 2019 55 55 55 55
Particuliere obligatie 3,750% 2020 256 257 271 275
Institutionele euro-obligatie 4,125% 2021 366 369 391 400
Institutionele euro-obligatie 1,875% 2022 346 - 345 -
Particuliere obligatie 5,125% 2023 187 190 208 213
Totaal langlopende
verplichtingen
1 739 1 406 1 824 1 509
Momenteel
Totaal kortlopende
verplichtingen
0 0 0 0

1 De rapporteringsdatum voor de vergelijkende periode is 31 december 2014.

2 De reële waarde van het EMTN-programma kan niet nauwkeurig worden bepaald door de beperkte liquiditeit in secundair markthandelen voor dit programma, en is voor rapportagedoeleinden vervangen door de boekwaarde.

Particuliere obligaties

Met vervaldatum in 2020

In maart 2013 rondde UCB een emissie van € 250 miljoen aan obligaties af in de vorm van een openbare aanbieding aan particuliere beleggers in België in het kader van zijn EMTN-Programma. De obligaties werden uitgegeven tegen 101,875% van de nominale waarde. De particuliere obligatie heeft een coupon van 3,75% per jaar een effectief rendement van 3,444% per jaar. De obligaties noteren op de gereglementeerde markt Euronext Brussel.

Met vervaldatum in 2023

In oktober 2009 voltooide UCB een openbare emissie van obligaties met een vaste couponrente ter waarde van € 750 miljoen, met een couponrendement en een effectieve rentevoet van 5,75 % per jaar, die is bedoeld voor particuliere beleggers.

In september 2013 deed UCB een onvoorwaardelijk openbaar ruilaanbod voor maximaal € 250 miljoen van de € 750 miljoen particuliere obligaties die in november 2014 afliepen en die een brutocoupon van 5,75% hebben. Bestaande obligatiehouders kregen de kans om hun bestaand obligaties om te wisselen voor nieuw uitgegeven obligaties die in oktober 2023 vervallen in een ruilverhouding van 1 tot 1. Deze obligaties dragen een couponrendement van 5,125% per jaar, terwijl het effectief rendement 5,398% per jaar bedraagt.

Op het einde van de ruilperiode werden 175 717 bestaande obligaties voor omwisseling aangeboden, goed voor een nominaal bedrag van € 176 miljoen. De 175 717 nieuwe obligaties zijn in oktober 2013 uitgegeven en zijn genoteerd op Euronext te Brussel. De bestaande obligaties die in het kader van het omruilaanbod omgewisseld werden, zijn door UCB geannuleerd. De 574 283 uitstaande particuliere obligaties zijn vervallen en afgelost in november 2014.

Institutionele euro-obligatie

Met vervaldatum in 2016

In december 2009 voltooide UCB een emissie van ongedekte obligaties van hogere rangorde ter waarde van € 500 miljoen, die in 2016 aflopen en bedoeld zijn voor institutionele beleggers. Deze obligaties werden uitgegeven tegen 99,635% van de nominale waarde en zullen tegen 100% van de hoofdsom afgelost worden. Deze obligaties dragen een couponrendement van 5,75% per jaar, terwijl het effectief rendement 5,8150% per jaar bedraagt. De obligaties zijn genoteerd op de beurs van Luxemburg.

Met vervaldatum in 2021

In september 2013 rondde UCB een emissie van ongedekte obligaties van hogere rangorde af ter waarde van € 350 miljoen, die in januari 2021 aflopen en uitgegeven worden in het kader van zijn EMTN-programma. Deze obligaties zijn in oktober 2013 uitgegeven tegen 99,944% van de nominale waarde en zullen tegen 100% van de hoofdsom worden afgelost. Deze obligaties dragen een couponrendement van 4,125% per jaar, terwijl het effectief rendement 4,317% per jaar bedraagt. De obligaties zijn genoteerd op Euronext te Brussel.

Met vervaldatum in 2022

In september 2015 rondde UCB een emissie van ongedekte obligaties van hogere rangorde af ter waarde van € 350 miljoen, die in april 2022 aflopen en uitgegeven worden in het kader van zijn EMTN-programma. Deze obligaties zijn in april 2015 uitgegeven tegen 99,877% van de nominale waarde en zullen tegen 100% van de hoofdsom worden afgelost. Ze zullen een jaarlijkse rentevoet van 1,875% hebben. De obligaties zijn genoteerd op Euronext te Brussel.

EMTN programma

Met vervaldatum in 2019

In november 2013 heeft UCB voor € 55 miljoen aan notes uitgegeven, die aflopen in 2019. Deze notes werden uitgegeven tegen 100% van hun nominale waarde en zullen tegen 100% van de hoofdsom afgelost worden. De notes hebben een couponrendement van 3,292% per jaar en een effectief rendement van 3,384% per jaar. De notes zijn genoteerd op de NYSE Euronext te Brussel.

Met vervaldatum in 2019

In december 2013 heeft UCB voor € 20 miljoen aan notes uitgegeven, die aflopen in 2019. Deze notes werden uitgegeven tegen 100% van hun nominale waarde en zullen tegen 100% van de hoofdsom afgelost worden. De notes hebben een couponrendement van 3,284% per jaar en een effectief rendement van 3,356% per jaar. De notes zijn genoteerd op Euronext te Brussel.

Reëlewaardeafdekking

De Groep wijst financiële derivaten onder reële waarde afdekkingen toe aan de particuliere obligaties en de institutionele euro-obligaties. De wijziging in de boekwaarde van de particuliere obligatie is volledig te wijten aan de wijziging in de reële waarde van het gehedgde deel van de particuliere obligatie, en wordt nagenoeg volledig gecompenseerd door de wijziging in de reële waarde van de corresponderende afgeleide financiële instrumenten.

4.24. Overige financiële verplichtingen

De overige financiële verplichtingen bevatten een onderhandse aandelenruil van € 3,15 miljoen UCBaandelen OTC ter waarde van € 195 miljoen (31 december 2014: 3,1 miljoen UCB-aandelen OTC ter waarde van € 189 miljoen) (zie Toelichting 4.26), en afgeleide financiële verplichtingen ter waarde van

4.25. Voorzieningen

Milieuvoorzieningen

De milieuvoorzieningen daalden van € 29 miljoen per eind december 2014 tot € 24 miljoen op het einde van de tussentijdse periode als gevolg van de terugneming van bepaalde milieuvoorzieningen in verband met de verkoop van de activiteiten van Surface Specialties. UCB is volledig verantwoordelijk gebleven, in overeenstemming met de contractuele bepalingen die zijn overeengekomen met Cytec Industries Inc., en een betaling werd uitgevoerd in dit opzicht.

Reorganisatievoorzieningen

De reorganisatievoorzieningen daalden van € 43 miljoen eind december 2014 naar € 34 miljoen op het einde van de tussentijdse periode. De gebruikmaking van de voorziening, meestal verbonden aan O&O afvloeiingskosten, is gedeeltelijk gecompenseerd door voorzieningen voor verdere optimalisatie en reorganisatie.

Belastingvoorzieningen

De belastingvoorzieningen daalden van € 275 miljoen per eind december 2014 tot € 269 miljoen op het einde van

€ 96 miljoen (2014: € 86 miljoen). De andere financiële verplichtingen bevatten € 194 miljoen warrants (2014: € 183 miljoen) gerelateerd aan Edev Sarl.

de tussentijdse periode als gevolg van gunstige recente rechtspraak dat het eerder verstrekte belastingrisico verwijderde. Geen andere belastingvoorzieningen werden geïdentificeerd tijdens de eerste zes maanden van het jaar en de Groep is van mening dat hij heeft de voldoende voorzieningen voor verplichtingen die kunnen ontstaan uit open perioden nog niet ingestemd met de fiscus.

Andere voorzieningen

De andere voorzieningen bleven stabiel op € 14 miljoen per 30 juni 2015 en hebben vooral betrekking op productaansprakelijkheid en gerechtelijke proceskosten. Voorzieningen voor rechtszaken omvatten voornamelijk voorzieningen voor geschillen waar UCB of een dochteronderneming gedagvaard wordt voor claims van voormalige werknemers. Voorzieningen voor productaansprakelijkheid hebben betrekking op de risico's die verband houden met de normale bedrijfsvoering en waarvoor de Groep aansprakelijk kan worden gesteld door de verkoop van deze types geneesmiddelen. Er wordt met betrekking tot de bovenvermelde risico's samen met de juridische adviseurs van de Groep en verschillende vak-experts een evaluatie gemaakt.

4.26. Toelichting bij het geconsolideerde kasstroomoverzicht

Het kasstroomoverzicht geeft de operationele activiteiten, investeringsactiviteiten en financieringsactiviteiten weer.

UCB past de indirecte methode toe voor de operationele kasstromen. Het nettoresultaat is aangepast voor:

  • de effecten van niet-geldelijke transacties zoals afschrijvingen en waardeverminderingen, bijzondere waardeverminderingsverliezen, provisies, waarderingen tegen reële waarde enz., alsook de veranderingen inzake werkkapitaal;
  • baten en lasten die verband houden met kasstromen uit investerings- en financieringsactiviteiten.
Voor zes maanden, eindigend op 30 juni
€ miljoen
2015
Beperkt
nazicht
2014
Herwerkt
Aanpassing voor niet-geldelijke transacties 28 70
Afschrijvingen en waardeverminderingen 131 111
Afschrijvingen/Terugnemingen (-) van bijzondere waardeverminderingen 2 28
In eigenvermogensinstrumenten afgewikkelde, op aandelen gebaseerde betalingen 29 -2
Overige niet-geldelijke transacties in de winst-en-verliesrekening -10 -45
Als gevolg van de toepassing van IAS 39 4 11
Niet-gerealiseerde wisselkoerswinst (-) / verlies -145 -26
Wijziging in voorzieningen en personeelsvergoedingen -3 -4
Voorraadwijzigingen en voorzieningen voor dubieuze debiteuren 20 -3
Aanpassing voor posten te vermelden onder kasstromen uit operationele activiteiten 123 48
Belastinglast voor de periode uit voortgezette bedrijfsactiviteiten 108 22
Belastinglast voor de periode uit beëindigde bedrijfsactiviteiten 15 26
Aanpassing voor posten te vermelden onder kasstromen uit investerings- en
financieringsactiviteiten
-65 40
Winst (-) / verlies uit de verkoop van vaste activa -105 -10
Betaalde / ontvangen(-) dividenden 0 0
Betaalde / ontvangen(-) intresten 40 50
Wijzigingen in het werkkapitaal
Voorraadbewegingen per geconsolideerde balans -23 2
Handels- en overige vorderingen en andere activabewegingen per geconsolideerde balans -40 -13
Handels- en overige schulden, beweging per geconsolideerde balans 8 -4
Zoals opgenomen in de geconsolideerde balans en gecorrigeerd met: -55 -15
Niet-geldelijke posten1 -47 28
Wijzigingen in voorraden en voorzieningen voor dubieuze debiteuren afzonderlijk vermeld onder
kasstromen uit operationele activiteiten
-20 3
Wijzigingen in te ontvangen/te betalen intresten afzonderlijk vermeld onder kasstromen uit operationele
activiteiten
-8 -28
Wijzigingen in te ontvangen dividenden afzonderlijk vermeld onder kasstromen uit
investeringsactiviteiten
0 0
Wijzigingen in te betalen dividenden afzonderlijk vermeld onder kasstromen uit financieringsactiviteiten 23 23
Wijziging in netto werkkapitaal vermeld onder kasstromen uit beëindigde activiteiten 0 0
Aanpassingen voor de omrekening van vreemde valuta 65 0
Zoals opgenomen in het geconsolideerd kasstroomoverzicht -42 11

1 Niet-geldelijke posten houden hoofdzakelijk verband met transfers van de ene rubriek naar de andere, met niet-geldelijke bewegingen die verband houden met een nieuwe waardering door een geassocieerde deelneming in een vreemde munt en andere bewegingen die verband houden met toevoegingen/verwijderingen binnen de consolidatiekring of met fusies van entiteiten.

4.27. Transacties met verbonden partijen

Vergoedingen van managers op sleutelposities

Er waren geen wijzigingen met betrekking tot de verbonden partijen die in het jaarverslag 2014 werden geïdentificeerd en vermeld.

De onderstaande vergoedingen van managers op sleutelposities omvatten de vergoedingen die zijn opgenomen in de winst- en verliesrekening voor de leden van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Comité, voor de eerste zes maanden waarin ze hun mandaat uitoefenden, eindigend 30 juni 2015.

€ miljoen 2015
Beperkt
Kortlopende personeelsvergoedingen 5
Ontslagvergoedingen 0
Uitkeringen na uittreding 2
Op aandelen gebaseerde betalingen 3
Totale vergoedingen van managers op sleutelposities 10

Aandeelhouders en aandeelhoudersstructuur

Verklaringen ontvangen in overeenstemming met de wet van 2 mei 2007 betreffende de aangifte van belangrijke aandelenparticipaties1

Laatste wijziging: 30 juni 2015 Momenteel Stem
gerechtigd1
Laatste relevante
notificatie
Kapitaal € 583 516 974 13 maart 2014
Totaal aantal stemgerechtigden (= denominator) 194 505 658
Financière de Tubize N.V. ('Tubize') 66 370 000 34,12%
stemrechtverlenende effecten (aandelen) 66 370 000 34,12% 13 maart 2014
Schwarz Vermögensverwaltung GmbH Co. KG ('Schwarz') 2 471 404 1,27%
stemrechtverlenende effecten (aandelen) 2 471 404 1,27% 13 maart 2014
Tubize + Schwarz3
stemrechtverlenende effecten (aandelen) 68 841 404 35,39%
UCB NV 5 275 087 2,71%
stemrechtverlenende effecten (aandelen) 2 299 762 1,18% 30 juni 2015
gelijkgestelde financiële instrumenten (opties)2 1 775 325 0,91% 22 juni 2015
gelijkgestelde financiële instrumenten (andere)2 1 200 000 0,62% 19 juni 2015
UCB Fipar NV 2 745 368 1,41%
stemrechtverlenende effecten (aandelen) 360 268 0,19% 26 juni 2015
gelijkgestelde financiële instrumenten (opties)2 435 000 0,22% 3 juni 2015
gelijkgestelde financiële instrumenten (andere)2 1 950 000 1,00% 5 januari 2015
UCB NV + UCB Fipar NV4 8 020 355 4,12%
stemrechtverlenende effecten (aandelen) 2 660 030 1,37%
gelijkgestelde financiële instrumenten2 2 210 325 1,14%
gelijkgestelde financiële instrumenten (andere)2 3 150 000 1,62%
Free float5 (stemrechtverlenende
effecten (aandelen))
123 004 224 63,24%
Capital Research and Management Company (subsidiary of The
Capital Group Companies Inc.)
stemrechtverlenende effecten (aandelen) 13 905 411 7,15% 8 januari 2014
Vanguard Health Care Fund
stemrechtverlenende effecten (aandelen) 9 741 353 5,01% 28 oktober 2014

1 Alle percentages zijn berekend op basis van het huidige totaal aantal stemrechten.

2 De gelijkgestelde financiële instrumenten, in de zin van artikel 6 van het Koninklijk besluit van 14 februari 2008, op de openbaarmaking van grote aandeelhouders, die, indien uitgeoefend, een extra stemrecht verlenen.

3 Tubize en Schwarz hebben verklaard samen te werken | art. 6, §4 en 9, §3, 3° betreffende de wet op de openbaarmaking van groot aandeelhouderschap.

4 UCB SA/NV controleert onrechtstreeks UCB Fipar NV | art. 6, §5, 2°en art. 9, §3, 2 van de wet op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen.

5 Free float zijnde de UCB-aandelen niet gehouden door de Referentieaandeelhouders (Tubize) en Schwarz, UCB NV of UCB Fipar NV. Voor deze berekening wordt enkel rekening gehouden met aandelen gehouden door deze entiteiten, met uitzondering van gelijkgestelde financiële instrumenten.

4.28. Dividenden

Het voorstel van de Raad van Bestuur om een bruto-dividend van € 1,06 per aandeel (2014: € 1,04 per aandeel) aan de houders van UCB aandelen gerechtigd op een dividend of 190 941 338 aandelen werd goedgekeurd op 30 april 2015. De 3 564 320 aandelen ingekocht door UCB NV op de datum van dividend betaling hebben geen recht op een dividend.

Een totaal van € 202 miljoen werd verdeeld (2014: € 202 miljoen) voor het boekjaar 2014 en werd goedgekeurd door de UCB-aandeelhouders op hun jaarlijkse algemene vergadering van 30 april 2015, en werd bijgevolg verwerkt in de eerste helft van 2015.

4.29. Verbintenissen en voorwaardelijke gebeurtenissen

Voorwaardelijke activa en verplichtingen

Er hebben geen belangrijke gebeurtenissen plaatsgevonden in de eerste helft van het jaar en er werden bijgevolg geen wezenlijke veranderingen aangebracht in de voorwaardelijke activa en verplichtingen die in het jaarverslag voor 2014 beschreven staan (pagina 137).

De Groep blijft actief betrokken bij rechtsgeschillen, claims en onderzoeken. Deze en andere lopende zaken kunnen leiden tot aansprakelijkheden, burgerlijke en strafrechtelijke boetes, verlies van productexclusiviteit en andere kosten, boetes en onkosten die verbonden zijn aan bevindingen die strijdig zijn met UCB's belangen.

UCB blijft verdedigende partij in iets minder dan 4 600 Reglan® productaansprakelijkheidsrechtszaken. Deze gevallen werden grotendeels geconsolideerd in drie verschillende jurisdicties, met name Philadelphia, San Francisco en New Brunswick. Elk geschil betreft claims voor letsels als gevolg van het vermeende nalaten te waarschuwen voor het risico geassocieerd met het gebruik van metoclopramide gedurende meer dan 12 weken. Het merendeel van de gevallen betreft schade als gevolg van het gebruik van generische metoclopramide. Er zijn momenteel geen rechtszaken gepland voor 2015. Terwijl de onderneming is van mening dat ze heeft verdienstelijke verdedigingen voor deze claims, heeft de onderneming besloten om de kosten en afleiding van geschillen te vermijden en heeft de onderneming een vertrouwelijke Master Settlement Agreement ingevoerd die een kader om alle claims tegen de onderneming op te lossen voor een bedrag dat binnen de bestaande verzekering grenzen van de onderneming gevestigd is. Het akkoord is afhankelijk van voldoende deelname van de eisers, zoals bepaald door het eigen goeddunken van de onderneming. De onderneming verwacht dat de schikking einde van het jaar zal worden afgerond.

UCB Pharma NV (UCB) is een gedaagde in een proces geïnitieerd door Desitin Arzneimittel GmbH (Desitin) aanhangig bij de arrondissementsrechtbank van Hamburg (Duitsland). Desitin eist een schadevergoeding voor de geleden schade van de handhaving van een rechterlijk bevel verkregen door UCB tegen Desitin's handelsmerk "Kepmini" waarvan het bevel later werd ingetrokken. Desitin eist een schadevergoeding ten bedrage van € 10 miljoen. Een hoorzitting werd gehouden op 17 februari 2015 en vervolgens werd een regeling aanzienlijk lager dan wat Desitin zocht voorgesteld. Desitin verwierp de voorgestelde schikking van de rechtbank en er werd een andere rechtbank hoorzitting gepland voor 24 september 2015. De partijen zijn momenteel in afwachting van een beslissing. De onderneming is van mening dat het een goede verdediging heeft tegenover deze claim.

UCB is een gedaagde in een proces geïnitieerd door het Medical Research Council (MRC) aanhangig bij de High Court of Justice, Chancery Division in Londen (VK). Het MRC eist een schadevergoeding (inclusief rente) als gevolg van een vermeende onderbetaling van bepaalde royalty's conform een licentieovereenkomst met UCB ten bedrage van ongeveer GBP 57 miljoen. De onderneming is van mening dat het een goede verdediging heeft tegenover deze claim.

In februari 2015 werd er een klacht ingediend bij de Amerikaanse arrondissementsrechtbank door het noordelijke district van Georgia, waarin UCB Holdings, Inc., het toegezegd-pensioenplan van UCB, Inc. en het administratieve comité van het toegezegd-pensioenplan van UCB, Inc. als gedaagden zijn genoemd. De klacht is gericht op de status van class-action en stelt claims te verdedigen inzake bepaalde pensioenvoordelen namens bepaalde huidige en voormalige werknemers van UCB, Inc. die voorheen werkzaam waren bij twee verschillende voorgaande ondernemingen die in de jaren 90 door UCB, Inc. zijn verworven. De onderneming is van mening dat het een goede verdediging heeft tegenover deze claims en heeft de intentie om deze kwestie sterk te verdedigen.

Op 22 juni 2015 ontving de onderneming een dagvaarding van de New York Attorney General's Office, Medicaid Fraud Control Unit ("NYAG"), op zoek naar documenten in verband met vermeende onderbetaling van Medicaid kortingen voor bepaalde perioden tussen 2002 en 2005. De onderneming is in volledige samenwerking met NYAG.

Daarnaast is de Groep verschillende overeenkomsten aangegaan in verband met zijn activiteiten die mogelijke voorwaardelijke verplichtingen met zich meebrengen, zoals de financiële overeenkomsten met het Waals Gewest voor € 9 miljoen (december 2014: € 9 miljoen).

Het valt niet te verwachten dat uit de voorwaardelijke verplichtingen enige andere materiële verplichtingen zullen ontstaan dan vermeld in Toelichting 32 van het jaarverslag 2014.

Aankoopverplichtingen

Op 30 juni 2015 heeft de Groep zich verbonden om € 34 miljoen (2014: € 40 miljoen) te besteden meestal aan kapitaaluitgaven voor de biotechfabriek in Bulle (Zwitserland) en IT infrastructuur.

UCB sloot verschillende lange termijn samenwerkingsovereenkomsten met verschillende farmaceutische, klinische proef exploitanten en private equity ondernemingen. Zulke samenwerkingsovereenkomsten omvatten mijlpaalbetalingen die afhankelijk zijn van succesvolle klinische ontwikkelingen of van het behalen van specifieke verkoopdoelstellingen. Op 30 juni 2015 had de Groep voor ongeveer € 20 miljoen aan verplichtingen in verband met immateriële activa die in de tweede jaarhelft betaald moeten worden.

Garanties

De garanties die in de loop van de normale bedrijfsvoering ontstaan, zullen naar verwachting niet resulteren in enige wezenlijke financiële verliezen.

4.30. Gebeurtenissen na de tussentijdse balansdatum

Op 28 juli 2015 heeft UCB aangekondigd dat het klinische fase 3-onderzoeksprogramma voor epratuzumab bij systemische lupus erythematosus (SLE) zijn primaire werkzaamheidseindpunten niet heeft bereikt. De behandelingsrespons bij patiënten die epratuzumab kregen naast een standaardtherapie was niet statistisch significant hoger dan bij patiënten die placebo kregen naast een standaardtherapie. Een hoog niveau herziening van de veiligheidsgegevens heeft geen nieuwe veiligheidsproblemen aangeduid. De herziening van de gedetailleerde resultaten is lopend en geen formeel besluit over het toekomstige gebruik van de verbinding werd genomen. De netto boekwaarde van de immateriële activa epratuzumab bedraagt € 30 miljoen per eind juni 2015.

5. Verslag van de commissaris

omtrent de beperkte controle van de verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie voor de periode afgesloten op 30 juni 2015

Inleiding

We hebben een beperkt nazicht uitgevoerd van de in bijlage opgenomen verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie van UCB NV en haar dochtervennootschappen (de "Groep") op 30 juni 2015, die de verkorte geconsolideerde jaarrekening en de verwante verkorte geconsolideerde winst-enverliesrekening, het verkorte geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, de verkorte geconsolideerde staat van wijzigingen in het eigen vermogen en het verkorte geconsolideerd kasstroomoverzicht over de periode van zes maanden afgesloten op die datum omvat, evenals van de toelichtingen. De Raad van Bestuur is verantwoordelijk dat deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie is opgesteld en gepresenteerd in overeenstemming met IAS 34 zoals goedgekeurd door de Europese Unie. Het is onze verantwoordelijkheid om een besluit te formuleren over deze verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie op basis van ons beperkt nazicht.

Omvang van het beperkt nazicht

We hebben ons beperkt nazicht uitgevoerd overeenkomstig met de "International Standard on Review Engagements 2410 - Review of interim financial information performed by the independent auditor of the entity". Een nazicht bestaat uit vragen van inlichtingen aan hoofdzakelijk financiële en boekhoudkundige verantwoordelijken, en het toepassen van analytische en andere procedures van nazicht. Een beperkt nazicht is substantieel minder uitgebreid dan een volkomen controle uitgevoerd volgens "International Standards on Auditing" en laat ons bijgevolg niet toe om met zekerheid te stellen dat we kennis hebben van alle belangrijke gegevens die zouden geïdentificeerd zijn indien we een volkomen controle zouden hebben uitgevoerd. We brengen dan ook geen controle verslag uit.

Conclusie

Op basis van ons beperkt nazicht is niets onder onze aandacht gekomen dat ons doet aannemen dat de bijgaande verkorte geconsolideerde tussentijdse financiële informatie, in alle materiële opzichten niet opgesteld zou zijn in overeenstemming met IAS 34 zoals goedgekeurd door de Europese Unie.

Sint-Stevens-Woluwe, 30 juli 2015

PwC Bedrijfsrevisoren/Reviseurs d'Entreprises vertegenwoordigd door

Romain Seffer

Bedrijfsrevisor/Réviseur d'entreprises

6. Verantwoordingsverklaring

We bevestigen hierbij dat, naar ons beste weten, de verkorte financiële verslagen voor de periode van zes maanden die eindigt op dinsdag 30 juni 2015, die werden opgesteld in overeenstemming met IAS 34 "Tussentijdse financiële verslaggeving" zoals aanvaard door de Europese Unie, een waarheidsgetrouw en reëel beeld geven van de activa, de passiva, de financiële positie en de winst/het verlies van de vennootschap en de ondernemingen die als een geheel in de consolidatie zijn opgenomen, en dat het tussentijdse beheersverslag een reëel overzicht geeft van de belangrijke gebeurtenissen die zich in de eerste zes maanden van het boekjaar

hebben voorgedaan, van de belangrijke transacties met de verbonden partijen, en van hun impact op de geconsolideerde financiële verslagen, samen met een beschrijving van de belangrijkste risico's en onzekerheden voor de resterende zes maanden van het boekjaar.

In naam van de Raad van Bestuur

Jean-Christophe TELLIER, Detlef THIELGEN, Chief Executive Officer Chief Financial Officer

7. Verklarende woordenlijst

CW

Constante wisselkoersen

EBIT / Operationele winst

Bedrijfsresultaat zoals vermeld in de geconsolideerde jaarrekening.

EMA / European Medicines Agency

Instantie die verantwoordelijk is voor de beoordeling van geneesmiddelen ter bescherming en bevordering van de gezondheid van mens en dier. www.emea.europa.eu

FDA / U.S. Food and Drug Administration

Agentschap binnen het Amerikaanse ministerie van Volksgezondheid en Human Services dat verantwoordelijk is voor de bescherming en bevordering van de gezondheid van de natie. www.fda.gov

Gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen

Aantal uitstaande gewone aandelen aan het begin van de periode, aangepast voor het aantal aandelen ingekocht of uitgegeven in de periode, vermenigvuldigd met een tijdfactor.

Kernproducten

De "kernproducten" zijn UCB's recent geïntroduceerde geneesmiddelen Cimzia® , Vimpat® en Neupro® . UCB's prioriteit is de verdere lancering en groei van deze drie producten.

Kern-WPA / Kern winst per aandeel

Nettowinst die kan worden toegekend aan UCBaandeelhouders, aangepast voor de impact na belasting van niet-recurrente posten, financiële eenmalige posten, de bijdrage na belasting van nietvoorgezette activiteiten, en de nettoafschrijving die verbonden is met verkopen, verdeeld door het aantal uistaande aandelen.

Netto financiële schuld

Langlopende en kortlopende leningen en bankkredieten minder obligaties, beperkt storting van contant geld met betrekking tot financiële lease-overeenkomsten, geldmiddelen en kasequivalenten.

Recurrente EBIT (REBIT)

Bedrijfsresultaat gecorrigeerd voor bijzondere waardeverminderingen, herstructureringskosten en andere bijzondere baten en lasten.

Recurring EBITDA (REBITDA / Recurring Earnings Before Interest, Taxes, Depreciation and Amortization charges)

Bedrijfsresultaat gecorrigeerd voor bijzondere afschrijvingen, waardeverminderingen, herstructureringskosten en andere bijzondere baten en lasten.

Werkkapitaal

Omvat voorraden, handelsvorderingen en overige vorderingen en handelsschulden en overige schulden, verplicht binnen en na 12 maanden.

Financiële kalender

28 oktober 2015 Interim report
26 februari 2016 2015 jaarrekening

Toelichting

Deze niet-geauditeerde verkorte geconsolideerde tussentijdse jaarrekening zijn opgesteld in overeenstemming met International Financial Reporting Standards zoals aanvaard binnen de Europese Unie, met inbegrip van IAS 34 - Tussentijdse financiële verslaggeving. Bij het opstellen van deze jaarrekening per en voor de zes maanden eindigend op 30 juni 2015 werden dezelfde grondslagen en schattingen gebruikt als in de 31 december 2014 geconsolideerde jaarrekening [, tenzij anders aangegeven]. Geen van de nieuwe of herziene IFRS-standaarden en interpretaties die werden goedgekeurd met ingang vanaf 1 januari 2015 heeft een belangrijke invloed op dit tussentijds verslag gehad. Voor een overzicht van de IFRS-standaarden, wijzigingen en interpretaties die in 2015 effectief zijn geworden, wordt verwezen naar hoofdstuk 2 van de Toelichtingen op de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2014.

Dit tussentijds verslag geeft slechts een verklaring van de gebeurtenissen en transacties die belangrijk voor de veranderingen in de financiële positie en de financiële prestaties sinds de laatste jaarlijkse verslagperiode te begrijpen zijn, en dient daarom te worden gelezen in samenhang met de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2014, beschikbaar op de website van de UCB (www.ucb.com). Andere informatie op de website van UCB of op andere websites, maakt geen deel uit dit jaarverslag.

Officiële taal van het verslag

Volgens de Belgische wet moet UCB haar jaarverslag in het Frans en het Nederlands publiceren. UCB heeft ook een Engelse versie van dit jaarverslag. In het geval van vertaal- of interpretatieverschillen tussen de versies, zal de Franse versie als officieel jaarverslag beschouwd worden.

Toekomstgerichte verklaringen

Dit halfjaarverslag bevat uitspraken over de toekomst op basis van bestaande plannen, ramingen en overtuigingen van het management. Alle uitspraken, behalve uitspraken die historische feiten inhouden, zijn uitspraken die beschouwd dienen te worden als toekomstgerichte verklaringen, met inbegrip van ramingen van inkomsten, operationele marges, kapitaaluitgaven, contanten, andere financiële informatie, de verwachte juridische, politieke, reglementaire of klinische resultaten en andere soortgelijke ramingen en resultaten. Per definitie bieden dergelijke toekomstgerichte verklaringen geen garantie op resultaten in de toekomst en zijn ze onderhevig aan risico's, onzekerheden en aannemingen die ertoe kunnen leiden dat de werkelijke resultaten beduidend kunnen afwijken van de toekomstgerichte verklaringen die in dit halfjaarverslag uitgedrukt worden. Belangrijke factoren die tot dergelijke verschillen zouden kunnen leiden zijn: wijzigingen in de algemene economische, zakelijke en concurrentiële situatie, het mislopen van de vereiste reglementaire goedkeuringen of het niet tegen aanvaardbare voorwaarden kunnen verkrijgen ervan, kosten in verband met onderzoek en ontwikkeling, wijzigingen in de vooruitzichten van producten die in de pijplijn zitten of door UCB ontwikkeld worden, gevolgen van toekomstige wettelijke uitspraken of onderzoeken door de overheid, claims in verband met productaansprakelijkheid, aanvechting van de patentbescherming van producten of kandidaat-producten, wijzigingen in de wetgeving, wisselkoersschommelingen, wijzigingen of onzekerheden in de belastingwetgeving of de handhaving van deze wetten en het aanwerven en behouden van het personeel.

Voorts vormt in dit document vervatte informatie geen aanbod tot verkopen of uitnodiging tot formuleren van een aanbod tot kopen van om het even welke effecten en is er geen sprake van aanbod, verzoek of verkoop van effecten in om het even welke jurisdictie waar een dergelijk aanbod, verzoek of verkoop onwettig zou zijn vóór de registratie of kwalificatie volgens de effectenwetgeving van deze jurisdictie. UCB geeft deze informatie vrij vanaf de datum van dit persbericht en wijst uitdrukkelijk de verantwoordelijkheid af om de informatie in dit persbericht bij te werken, zowel om de feitelijke resultaten te bevestigen of om een wijziging van de verwachtingen te melden.

Er is geen enkele garantie dat kandidaat-producten in de pijplijn goedgekeurd zullen worden als product of dat er nieuwe indicaties voor bestaande producten ontwikkeld en goedgekeurd zullen worden. Producten of potentiële producten die het onderwerp zijn van partnerships, joint ventures of licentiesamenwerkingen kunnen onderhevig zijn aan verschillen tussen de partners. UCB of anderen kunnen ook problemen ontdekken met betrekking tot de veiligheid, de bijwerkingen of met de productie van zijn producten nadat deze op de markt gebracht zijn.

Bovendien kunnen de verkoopcijfers beïnvloed worden door nationale en internationale tendensen op het gebied van kostenbeheersing in de zorg en gezondheidszorg en het terugbetalingsbeleid opgelegd door derde betalers, evenals door de wetgeving die de prijs en de terugbetaling van biofarmaceutica beïnvloedt.

Over UCB

UCB, Brussel, België (www.ucb.com) is een wereldwijd biofarmaceutisch bedrijf dat zich toelegt op het ontdekken en ontwikkelen van innovatieve geneesmiddelen en oplossingen voor het transformeren van het leven van mensen met ernstige ziekten van het immuunsysteem of het centraal zenuwstelsel. Het bedrijf telt meer dan 8 500 medewerkers in zowat 40 landen. In 2014 bedroegen de inkomsten € 3,3 miljard EUR. UCB is genoteerd op de NYSE Euronext te Brussel (symbool: UCB). Volg ons op Twitter: @UCB_news

Contacten

Investor Relations

Antje Witte, Investor Relations, UCB T +32.2.559.94.14 [email protected]

Isabelle Ghellynck, Investor Relations, UCB T+32.2.559.95.88 [email protected]

Corporate Communication

France Nivelle, Global Communications, UCB T +32.2.559.91.78 [email protected]

Laurent Schots, Media Relations, UCB T+32.2.559.92.64 [email protected]