Earnings Release • Jul 31, 2025
Earnings Release
Open in ViewerOpens in native device viewer

Ontex bevestigt resultaten 1ste jaarhelft met omzet- en margedaling in een zwakker dan verwachte markt, terwijl er verder geïnvesteerd wordt en belangrijke mijlpalen werden gehaald
Omzetdaling met 4% in 1ste halfjaar, voornamelijk veroorzaakt door een zwakke vraag naar babyverzorging in Europa;
Aangepaste EBITDA-marge daalt met 2,2pp in 1ste halfjaar, als gevolg van een mindere absorptie van vaste kosten veroorzaakt door de lagere volumes, en als gevolg van stijgende kosten;
Omzetdaling met lage enkelvoudige cijfers voorzien voor het volledige jaar 2025 en een aangepaste EBITDA tussen 200 en 210 miljoen €.
Gustavo Calvo Paz, CEO van Ontex, zei: "De zwakke eerste jaarhelft, hoewel teleurstellend, zal ons niet afleiden van onze strategische reis. We boeken gestaag vooruitgang en leveren stap voor stap resultaten. De herstructurering van de portefeuille en de versteviging van de balans zijn grotendeels gerealiseerd. De innovatiepijplijn is versterkt en zal blijven leveren. Onze activiteiten in Noord-Amerika hebben snelle groei laten zien, op weg naar schaalvergroting, en we hebben grote stappen gezet richting best-in-class productie. Deze structurele veranderingen zullen geleidelijk onze veerkracht tegen marktfluctuaties verbeteren."
De omzet bedroeg 880 miljoen €, een daling van 4,0% op vergelijkbare basis, waarvan 1,0% door verwachte doorwerking van prijsverlagingen in 2024. De volumes daalden met 3,0% inclusief mixeffecten, wat over het algemeen in lijn was met de daling van de vraag in de belangrijkste markten van Ontex. De daling was het meest uitgesproken voor babyverzorging in Europa, wat werd uitvergroot door voorraadafbouw bij klanten. Netto contractwinsten droegen positief bij aan de volumes, vooral in Noord-Amerika. In Europa werd Ontex geconfronteerd met tijdelijke verstoringen in de toeleveringsketen als gevolg van de onbeschikbaarheid van bepaalde grondstoffen, de fabriekstilstand in Spanje en de vertraagde capaciteitsuitbreiding van een aantal groeiende productcategorieën.
De aangepaste EBITDA bedroeg 86 miljoen €, vergeleken met 110 miljoen € in 2024, wat een margevermindering met 2,2 procentpunten tot 9,8% voorstelt. De daling weerspiegelt de directe impact van de verkoopprijzen en de impact van lagere volumes, inclusief het effect van lagere vaste kostenabsorptie. Het kostentransformatieprogramma hielp de impact van hogere inflatie- en index-gedreven kosten en van tijdelijke inefficiënties te beperken.
Het bedrijfsresultaat bedroeg 43 miljoen €, inclusief 5 miljoen € eenmalige kosten, voornamelijk verbonden aan herstructureringen.
De vrije kasstroom bedroeg 40 miljoen € negatief, wat de lagere EBITDA-bijdrage, het lagere gebruik van factoring, de toename van kapitaaluitgaven en de kasuitstroom voor herstructurering weerspiegelt.
De netto financiële schuld voor de totale groep bedroeg 552 miljoen € eind juni, vergeleken met 612 miljoen € aan het begin van het jaar. De daling over de periode is voornamelijk te danken aan de netto-opbrengsten uit desinvesteringen, die de negatieve vrije kasstroom en de aandeleninkopen meer dan compenseerden. Met de lagere EBITDA-bijdrage steeg de hefboomratio van 2,5x naar 2,7x.
Ontex rondde begin april de desinvestering van zijn Braziliaanse activiteiten af, waarvoor een voorlopige netto kasopbrengst van 99 miljoen € werd ontvangen. Eerder dit jaar heeft Ontex een bindende overeenkomst bereikt om zijn Turkse bedrijfsactiviteiten te verkopen voor een ondernemingswaarde van ongeveer 24 miljoen €, waarvan de afronding wordt verwacht in de tweede helft van 2025.
In maart gaf Ontex een hoogrentende obligatie van 400 miljoen € uit die in april 2030 afloopt en een vaste rentevoet van 5,25% heeft. Deze obligatie vervangt de eerdere hoogrentende obligatie van 580 miljoen €, die inmiddels is terugbetaald aan de obligatiehouders.
Midden april voltooide Ontex zijn aandeleninkoopprogramma van 1,5 miljoen aandelen, dat in december 2024 was gestart. De verworven aandelen zullen bijdragen aan het voldoen aan de verplichtingen van Ontex onder zijn huidige en toekomstige lange-termijn-verloningsplannen. Ontex houdt momenteel 2,85% eigen aandelen aan.
De resultaten in de tweede helft worden verwacht te herstellen. De omzet zal naar verwachting herstellen, zelfs als de consumentenvraag zwak blijft. De belangrijkste bijdragen aan deze omzetgroei in de tweede helft van het jaar zijn de start van nieuwe contracten in Europa en Noord-Amerika tijdens het derde kwartaal en het einde van de voorraadafbouw door klanten. Deze volumegroei zal een sterke impact hebben op de aangepaste EBITDA-marge door de absorptie van vaste kosten. De tijdelijke inefficiënties in de toeleveringsketen die zowel de volumegroei beïnvloedden als extra kosten veroorzaakten, zijn opgelost. Bovendien dalen de grondstofkosten door lagere indices. Ondertussen blijft Ontex zijn kosten¬transformatie¬programma uitvoeren, wat verdere besparingen zal opleveren en extra productiecapaciteiten zal activeren in groeiende productcategorieën.
Daarom wordt verwacht dat voor de tweede helft van 2025:
De omzet herstelt en in lijn ligt met de tweede helft van 2024;
De aangepaste EBITDA weer jaar-op-jaar groeit;
De vrije kasstroom positief zal zijn, waardoor de uitstroom in de eerste helft van 2025 wordt gecompenseerd.
Ontex heeft daarbij zijn verwachtingen voor het hele jaar aangepast aan de nieuwe realiteit en verwacht nu dat:
De omzet met lage enkelvoudige cijfers zal dalen op vergelijkbare basis (voorheen verwachtte men een groei van 3% tot 5% op vergelijkbare basis);
De aangepaste EBITDA tussen 200 miljoen € en 210 miljoen € uitkomt (voorheen verwachtte men een groei van 4% tot 7% of tussen 232 miljoen € en 238 miljoen €);
De vrije kasstroom rond nul zal liggen (voorheen verwachtte men dat deze sterk zou blijven);
De hefboomratio tegen het einde van het jaar rond de 2,5x zal liggen (voorheen onder 2,5x).
[1] De vooruitzichten van Ontex gaan ervan uit dat de bestaande situatie van de internationale invoertarieven niet verandert.

| Bedrijfsresultaten | Kwartaal 2 | Halfjaar 1 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | % | % LFL | 2025 | 2024 | % | % LFL |
| Omzet | 429,7 | 455,9 | -5,8% | -5,2% | 880,3 | 916,1 | -3,9% | -4,0% |
| Adult Care | 203,7 | 195,7 | +4,1% | +3,9% | 406,1 | 394,5 | +2,9% | +2,6% |
| Baby Care | 163,7 | 195,2 | -16% | -15% | 351,9 | 390,7 | -9,9% | -9,8% |
| Feminine Care | 57,8 | 60,3 | -4,0% | -3,5% | 114,0 | 120,5 | -5,4% | -5,5% |
| Operationele kosten (excl. afschrijvingen) |
(394,0) | (399,0) | +1,3% | (794,1) | (806,3) | +1,5% | ||
| Aangepaste EBITDA | 35,7 | 56,9 | -37,3% | 86,2 | 109,8 | -21,5% | ||
| Aangepaste EBITDA-marge | 8,3% | 12,5% | -4,2pp | 9,8% | 12,0% | -2,2pp | ||
| (EBITDA-aanpassingen) | (2,6) | (41,6) | +94% | (5,3) | (42,2) | +87% | ||
| Afschrijvingen | (19,2) | (18,4) | -4,1% | (38,1) | (36,4) | -4,7% | ||
| Bedrijfswinst/(verlies) | 13,9 | (3,1) | 42,8 | 31,1 | +38% |
| Omzet | 2024 | Vol/mix | Verkoop- | 2025 | Wissel- | 2025 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | prijs | LFL | koers | |||
| Kwartaal 2 | 455,9 | -21,7 | -1,8 | 432,4 | -2,8 | 429,7 |
| -4,8% | -0,4% | -5,2% | -0,6% | -5,8% | ||
| Halfjaar 1 | 916,1 | -27,5 | -9,1 | 879,5 | +0,8 | 880,3 |
| -3,0% | -1,0% | -4,0% | +0,1% | -3,9% |
| Aangepaste EBITDA | 2024 | Vol/mix | Verkoop- | Grond- | Operat. | Operat. | VA&A/ | Wissel- | 2025 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | prijzen | stoffen | kosten | besparing | Overige | koers | |||
| Kwartaal 2 | 56,9 | -8,3 | -1,8 | -15,9 | -14,5 | +18,8 | +0,5 | +0,0 | 35,7 |
| -15% | -3,2% | -28% | -26% | +33% | +1,0% | +0,0% | -37% | ||
| Halfjaar 1 | 109,8 | -10,7 | -9,1 | -18,8 | -22,5 | +34,1 | +3,9 | -0,6 | 86,2 |
| -9,7% | -8,3% | -17% | -20% | +31,1% | +3,6% | -0,5% | -21% |
[2] De gerapporteerde winst- en verliescijfers hebben alleen betrekking op voortgezette activiteiten, d.w.z. kernmarkten. Vanaf 2022 worden opkomende markten gerapporteerd als activa aangehouden voor verkoop en beëindigde activiteiten, na de strategische beslissing om deze bedrijven te verkopen. De meeste hiervan zijn al verkocht.

De omzet bedroeg 880 miljoen €, een daling van 4,0% op vergelijkbare basis, waarbij het grootste deel van de daling voortkwam uit lagere volumes, wat over het algemeen in lijn ligt met de daling van de vraag in de belangrijkste markten van Ontex, en de rest uit de doorwerking van lagere prijzen in 2024.
De volumes daalden met 3,0% inclusief mixeffecten, door de zwakke klantvraag, vooral in de Europese babyverzorgingscategorie. Netto contractwinsten droegen positief bij aan de volumes, vooral in Noord-Amerika. In Europa had Ontex te maken met tijdelijke verstoringen van de toeleveringsketen als gevolg van de onbeschikbaarheid van bepaalde grondstoffen, de fabrieksonderbreking in Spanje en de vertraagde capaciteitsuitbreiding voor een aantal groeiende productcategorieën.
De volumes in de babyverzorging daalden met 7,8%, inclusief een positief mixeffect, wat de zeer zwakke consumentenvraag naar huismerken in de Europese en Noord-Amerikaanse markten weerspiegelt, die over het algemeen met hoge enkelcijferige percentages daalden. Huismerken hadden te maken met zware promotionele activiteiten van merkfabrikanten in beide regio's. De impact op de omzet van Ontex was groter vanwege de specifieke blootstelling aan landen waar deze effecten meer uitgesproken waren, zoals het Verenigd Koninkrijk en Polen, en vanwege het afbouwen van voorraden door sommige klanten.
De volumes in dameshygiëne daalden met 4,8%, meer dan de lichte daling van de consumentenvraag in Europa, veroorzaakt door tijdelijke verstoringen in de toeleveringsketen, voornamelijk te wijten aan de fabrieksonderbreking in Spanje.
De volumes in de volwassenenzorg stegen met 2,9%, inclusief een positief mixeffect, wat de aanhoudende vraag in het retailkanaal en de stabiele vraag in het zorgkanaal in Europa weerspiegelt.
De verkoopprijzen daalden over het geheel genomen met 1,0%. Hoewel ze in alle categorieën daalden, was het effect het meest uitgesproken in babyverzorging. De daling is voornamelijk het gevolg van de doorwerking van lagere prijzen in het voorgaande jaar, wat verwacht werd. Deze weerspiegelen aanpassingen in 2024 voor de daling van de grondstoffenprijsindices in 2023.
Valutaschommelingen hadden over het geheel genomen geen betekenisvolle impact, met een positief effect van 0,1% in totaal. De appreciatie van de Poolse zloty en de Russische roebel compenseerde de depreciatie van de Amerikaanse en de Australische dollar.
De aangepaste EBITDA bedroeg 86 miljoen €, vergeleken met 110 miljoen € in 2024. De terugval weerspiegelt de directe impact van de verkoopprijsdaling met 9 miljoen € van de en de impact van 11 miljoen € door de lagere volumes en mix, inclusief het effect van lagere absorptie van vaste kosten. Het kostentransformatieprogramma hielp de impact van hogere kosten en tijdelijke inefficiënties te beperken.
De kosten van grondstoffen stegen met ongeveer 4% in het eerste halfjaar, wat resulteerde in een negatieve impact van 19 miljoen €. De prijzen stegen voor de meeste grondstoffen, en vooral voor fluff, maar deze dalen inmiddels terug.
Andere operationele kosten stegen met ongeveer 8%, wat resulteerde in een negatieve impact van 22 miljoen €, waarvan ongeveer de helft verband hield met inflatie van salarissen en van logistieke en andere diensten, terwijl de andere helft verband hield met tijdelijke inefficiënties. In Noord-Amerika werden extra kosten gemaakt om de productie in de tweede jaarhelft op te voeren en om de mogelijke impact van Amerikaanse invoertarieven te anticiperen, hoewel deze uiteindelijk niet van toepassing waren. In Europa leidden de verstoringen in de toeleveringsketen ook tot extra compenserende kosten in productie en distributie.
Het kostentransformatieprogramma leverde 34 miljoen € netto besparingen op, wat een sterke efficiëntiewinst in operationele kosten van ongeveer 5% vertegenwoordigt, en dit ondanks de lagere volumebasis. De besparingen zijn deels gekoppeld aan de vooruitgang die is geboekt bij de transformatie van de operationele voetafdruk van Ontex in Europa.
VA&A-kosten (Verkoop-, Algemene & Administratiekosten) werden aangepast om het lagere winstgevendheidsniveau weer te geven. Dit had een positief effect van 4 miljoen €.

Valutaschommelingen hadden een netto negatief effect van 1 miljoen €, voornamelijk gekoppeld aan de depreciatie van de Mexicaanse peso, wat de bijdrage van de Tijuana-fabriek beïnvloedde.
De aangepaste EBITDA-marge daalde met 2,2 procentpunten tot 9,8%.
De omzet bedroeg 430 miljoen €, een daling van 5,2% op vergelijkbare basis, voornamelijk door lagere volumes.
De volumes daalden met 4,8% inclusief mixeffecten, vooral in de babyverzorgingscategorie. Terwijl in Noord-Amerika de volumes van Ontex grotendeels stabiel bleven en de lage consumentenvraag overtroffen, werd in Europa de lagere consumentenvraag naar babyverzorging verergerd door intense promotionele activiteiten van A-merken, wat de overschakeling van consumenten naar retailermerken beperkte. Deze effecten waren meer uitgesproken in enkele van de belangrijkste markten van Ontex, waar Ontex ook te maken had met afbouw van voorraden bij klanten. Bovendien veroorzaakten de onbeschikbaarheid van bepaalde grondstoffen en de fabrieksonderbreking in Spanje tijdelijke verstoringen in de toeleveringsketen. Deze verstoringen beïnvloedden ook de volumes in de vrouwelijke verzorging. In de volwassenenzorg bleven de volumes groeien, wat de onderliggende positieve maatschappelijke trend weerspiegelt. Deze categorie vertegenwoordigt nu bijna de helft van de omzet van Ontex.
De verkoopprijzen daalden over het geheel genomen met 0,4%. Hoewel ze jaar op jaar stabiel bleven in de dameshygiëne- en volwassenzorgcategorie, daalden ze in de babyverzorging, voornamelijk als gevolg van de doorwerking van lagere prijzen uit 2024.
Valutaschommelingen hadden een licht negatief effect van 0,6% in totaal. De depreciatie van de Australische en vooral de Amerikaanse dollar werd gedeeltelijk gecompenseerd door de appreciatie van de Russische roebel.
De aangepaste EBITDA bedroeg 36 miljoen €, vergeleken met 57 miljoen € in 2024. De terugval weerspiegelt de directe impact van de daling met 2 miljoen € van de verkoopprijs en de impact van 8 miljoen € door de lagere volumes, inclusief het effect van lagere vaste kostenabsorptie. De voortzetting van het kostentransformatieprogramma was niet voldoende om de impact van de tijdelijke hogere kosten en inefficiënties te compenseren.
Hogere grondstofkosten resulteerden in een negatieve impact van 16 miljoen €. De prijzen stegen voor de meeste grondstoffen, en vooral voor fluff, maar dalen ondertussen.
Andere operationele kosten stegen met 15 miljoen €, wat te wijten is aan tijdelijke maatregelen die werden genomen om de inefficiënties in de toeleveringsketen te beperken, en ook aan inflatie.
Het kostentransformatieprogramma leverde 19 miljoen € netto besparingen op, wat een sterke vermindering van de operationele kosten met meer dan 5% vertegenwoordigt, en dit ondanks de lagere volumebasis.
VA&A-kosten werden verder aangepast aan het lagere winstgevendheidsniveau en hadden een positief effect van 1 miljoen € op het kwartaal.
Valutaschommelingen hadden geen netto-impact.
De aangepaste EBITDA-marge daalde met 4,2 procentpunten tot 8,3%.

| Financiële resultaten | Halfjaar 1 | ||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | % |
| Aangepaste EBITDA | 86,2 | 109,8 | -21% |
| Afschrijvingen | (38,1) | (36,4) | -4,7% |
| Netto financiële kosten | (43,3) | (26,5) | -63% |
| Aangepaste winstbelastingen [3] | (4,5) | (5,4) | +17% |
| Aangepaste winst uit voortgezette activiteiten | 0,3 | 41,4 | -99% |
| EBITDA-aanpassingen [4] | (5,3) | (42,2) | +87% |
| Impact van EBITDA-aanpassingen op winstbelasting [3] [4] | 1,3 | 10,5 | -88% |
| Winst/(verlies) uit voortgezette activiteiten | (3,7) | 9,6 | -138% |
| Verlies uit beëindigde activiteiten | (111,1) | (15,5) | -617% |
| Verlies voor de periode | (114,8) | (5,8) | -1865% |
| Gewone (verlies per aandeel (in €) | (1,4) | (0,07) | -1884% |
| Investeringsuitgaven | (44,5) | (37,9) | -17% |
| Vrije kasstroom | (40,3) | 43,2 | -193% |
| Netto werkkapitaal [5] | 123,0 | 117,5 | +4,7% |
| Netto werkkapitaal / omzet [5] | 6,8% | 5,3% | +1,5pp |
| Bruto financiële schuld [5] | 698,0 | 736,3 | -5,2% |
| Netto financiële schuld [5] | 552,2 | 612,0 | -10% |
| Hefboomratio [5] | 2,68x | 2,46x | +0,21x |
[3] De aangepaste winstbelastingen bestaan uit de winstbelastingen, zoals voorgesteld in de winst- en verliesrekening, aangepast voor de impact van EBITDA-aanpassingen.
[4] EBITDA-aanpassingen en hun impact op de winstbelasting worden afgetrokken van de aangepaste winst om de winst te verkrijgen.
[5] Balansgegevens weerspiegelen het einde van de periode en vergelijken met het begin van de periode, i.c. december 2024.

Afschrijvingen van voortgezette bedrijfsactiviteiten stegen licht tot 38 miljoen €, wat de hogere investeringsniveaus weerspiegelt.
EBITDA-aanpassingen bedroegen €5 miljoen in voortgezette bedrijfsactiviteiten. Deze aanpassingen werden gedaan voor 2 miljoen € aan herstructureringskosten, voornamelijk gerelateerd aan kleine wijzigingen in het lopende transformatieprogramma in Ontex' Belgische productie, die in 2024 werd gestart en naar verwachting afgerond wordt in 2026, evenals 2 miljoen € aan gerelateerde bijzondere waardeverminderingen van overtollige activa.
De netto financieringskosten van voortgezette bedrijfsactiviteiten bedroegen 43 miljoen €, meer dan de 27 miljoen € in 2024. De rentelasten waren iets hoger, voornamelijk door het aflopen van een renteswap op het einde van 2024. Netto wisselkoersverschillen hadden een negatieve impact van 19 miljoen €, vergeleken met een negatieve impact van 3 miljoen € in 2024. Deze verschillen zijn bijna volledig niet-gerealiseerd, en dus niet-contant, en werden voornamelijk veroorzaakt door de devaluatie van de Amerikaanse dollar over de periode, wat een impact had op leningen binnen het bedrijf.
De winstbelastingen van voortgezette bedrijfsactiviteiten bedroegen 3 miljoen € negatief, vergeleken met een positieve impact van 5 miljoen € in 2024, wat toen veroorzaakt werd door de erkenning van uitgestelde belastingvorderingen.
Het verlies uit beëindigde bedrijfsactiviteiten bedroeg 111 miljoen €. De divisie Emerging Markets, die het omvat, genereerde een omzet van 82 miljoen € en een aangepaste EBITDA van 6 miljoen €. Dit vertegenwoordigt de bijdrage van de Braziliaanse bedrijfsactiviteiten tot begin april, toen dat bedrijf werd gedesinvesteerd, en van de Turkse bedrijfsactiviteiten, die naar verwachting in de tweede helft van het jaar zullen worden verkocht. Het bedrijfsresultaat bedroeg 109 miljoen € negatief, en omvat de niet-contante terugname van 142 miljoen € negatieve omrekeningsverschillen van valuta, veroorzaakt door de effectieve desinvestering van de Braziliaanse bedrijfsactiviteiten. Deze werden gedeeltelijk gecompenseerd door een nettowinst bij verkoop.
Het verlies van de periode voor de Totale Groep bedroeg 115 miljoen €, vergeleken met 6 miljoen € het jaar ervoor, en bestaat uit het 111 miljoen € verlies uit beëindigde bedrijfsactiviteiten en 4 miljoen € verlies uit voortgezette bedrijfsactiviteiten. De aangepaste winst uit voortgezette activiteiten was break-even, vergeleken met de 41 miljoen € winst in de eerste helft van 2024, wat te wijten is aan de lagere aangepaste EBITDA en de financiële impact van de nietgerealiseerde netto valutaverschillen. Het basisverlies per aandeel van de Totale Groep bedroeg 1,43 €, vergeleken met een verlies 0,07 € in 2024.
De kapitaaluitgaven bedroegen 45 miljoen €, wat 4,6% van de Totale Groepsomzet vertegenwoordigt, en een stijging betekent ten opzichte van de 38 miljoen € in 2024. Gecombineerd met leasebetalingen van 13 miljoen €, vertegenwoordigde dit 1,5x de afschrijvingen. De intensivering van kapitaaluitgaven is gepland en zal naar verwachting op een hoog niveau blijven gedurende 2025 om de bedrijfsuitbreiding in Noord-Amerika en de verdere implementatie van het kostentransformatieprogramma te ondersteunen. Ongeveer de helft van de uitgaven was gerelateerd aan groei en innovatie, een kwart aan de transformatie van de bestaande portfolio.
De vrije kasstroom bedroeg 40 miljoen € negatief, wat de lagere aangepaste EBITDA-bijdrage, de toename van kapitaaluitgaven, het lagere gebruik van factoring en de kasuitstroom voor herstructurering weerspiegelt. Hoewel de onderliggende werkkapitaalbehoeften minimaal waren, voor 1 miljoen €, hadden schommelingen in sociale verplichtingen een negatieve impact van 7 miljoen €, en verminderde het gebruik van factoring met 9 miljoen €. Dat laatste is te wijten aan het lagere niveau van handelsvorderingen als gevolg van de daling van de verkoopvolumes. Belastingen bedroegen 10 miljoen €. Betalingen gerelateerd aan financiering waren 26 miljoen €, en omvatten de couponbetaling van de hoogrentende obligatie die normaalgesproken in de tweede helft van het jaar zou zijn betaald, aangezien deze betaling werd vooruitgeschoven na de vervroegde aflossing van de obligatie. De kasuitstroom voor herstructurering en eenmalige kosten bedroeg 23 miljoen €, voornamelijk gerelateerd aan de lopende transformatie van de Belgische productie. Een voorziening van 16 miljoen € blijft uitstaande voor deze herstructurering, en wordt verwacht uitgegeven te worden in de komende twaalf maanden.

De opbrengsten uit fusies en overnames bedroegen 101 miljoen €, waarvan het grootste deel van 99 miljoen € afkomstig was van de desinvestering van de Braziliaanse bedrijfsactiviteiten. Deze omvatten de opbrengsten die bij de sluiting begin april werden ontvangen en de borg die eind juni werd vrijgegeven. Deze opbrengsten blijven onderhevig aan gebruikelijke balansaanpassingen en enkele transactiekosten. De resterende 2 miljoen € komt van de gedeeltelijke aanbetaling van een uitgestelde vordering gerelateerd aan de Mexicaanse desinvestering in 2023.
Het aandeleninkoopprogramma voor 1,5 miljoen aandelen om te voorzien in lange-termijn-verloningsplannen, leidde tot de verwerving van 1.353.662 aandelen voor 11 miljoen €. Dit programma werd in december 2024 gestart en werd afgerond in april 2025.
Het netto werkkapitaal aan het einde van de periode bedroeg 123 miljoen €, waarvan 112 miljoen € in voortgezette bedrijfsactiviteiten. Deze laatste zijn te vergelijken met 103 miljoen € aan het begin van de periode. De stijging is toe te schrijven aan het lagere gebruik van factoringfaciliteiten, wat in lijn is met lagere handelsvorderingen. Deze, samen met voorraden en handelsschulden, zijn gedaald, zij het iets minder dan de omzet aangezien het bedrijf tijd nodig had om zich aan te passen aan de lagere volumes. Andere vorderingen zijn echter gestegen, voornamelijk gekoppeld aan de verzekeringsclaim volgend op de fabrieksonderbreking in Segovia eerder in het jaar. Inclusief activa aangehouden voor verkoop, steeg de ratio van werkkapitaal over omzet daarmee tot 6,8% vergeleken met 5,3% aan het begin van het jaar.
De netto financiële schuld voor de totale groep bedroeg 552 miljoen € eind juni, vergeleken met 612 miljoen € aan het begin van het jaar. De daling over de periode is voornamelijk gekoppeld aan de netto-opbrengsten uit desinvesteringen, die de negatieve vrije kasstroom en de aandeleninkopen meer dan compenseerden. Andere schommelingen omvatten herfinancieringskosten gekoppeld aan de vervroegde aflossing van de vorige obligatie en de uitgifte van de nieuwe obligatie. Deze werden meer dan gecompenseerd door niet-contante effecten, voornamelijk gerelateerd aan lagere leasing na de Braziliaanse desinvestering.
De hefboomratio van de netto financiële schuld over aangepaste EBITDA van de laatste twaalf maanden steeg van 2,5x naar 2,7x, aangezien de laatste daalde van 248 miljoen € naar 206 miljoen €, deels als gevolg van de vermindering van de perimeter.
De bruto financiële schuld daalde tot 698 miljoen €. Tijdens de periode werd de eerdere 3,50% obligatie van 580 miljoen €, die in juli 2026 zou aflopen, afgelost. Ongeveer de helft werd afgelost via een tenderaanbod in april, en de rest via een voldoening- en ontslagmechanisme, waardoor het van de balans kon worden verwijderd, en waarbij het bedrag dat moest worden afgelost werd overgedragen aan een trustrekening die de resterende obligatiehouders in juli terugbetaalde. Ondertussen werd een nieuwe 5,25% obligatie van 400 miljoen € uitgegeven, die in april 2030 afloopt. Het verschil in grootte werd gedekt door de opbrengsten uit desinvesteringen en een tijdelijke verhoging van het gebruik van de wentelkredietfaciliteit, die nu voor 69% of 185 miljoen € wordt gebruikt.
Activa aangehouden voor verkoop aan het einde van de periode, d.w.z. voornamelijk de Turkse bedrijfsactiviteiten, hadden een netto-activa waarde van 70 miljoen €, inclusief een netto kaspositie van 49 miljoen €. De balans omvat ook 73 miljoen € aan negatieve cumulatieve omrekeningsreserves in het eigen vermogen gerelateerd aan deze activa. Deze zullen worden gerecycleerd via de winst-en-verliesrekening zodra de desinvesteringen zijn afgerond.

In dit persbericht worden alternatieve prestatie-indicatoren (non-GAAP) gebruikt, omdat het management van mening is dat deze op grote schaal worden gebruikt door bepaalde beleggers, effectenanalisten en andere geïnteresseerde partijen als aanvullende indicator voor prestaties en liquiditeit. De alternatieve prestatie-indicatoren zijn mogelijks niet vergelijkbaar met indicatoren met vergelijkbare namen van andere ondernemingen, houden beperkingen in als analytische instrumenten en mogen niet op zichzelf worden beschouwd of ter vervanging voor de analyse van bedrijfsresultaten, prestaties of liquiditeit onder IFRS..
De netto financiële schuld wordt berekend door kortlopende en langlopende schulden bij elkaar op te tellen en geldmiddelen en kasequivalenten af te trekken. De hefboomratio wordt berekend door de netto financiële schuld te delen door de aangepaste EBITDA voor de laatste twaalf maanden (LTM). Deze sluit de bijdrage van de sindsdien afgestoten bedrijven uit, d.w.z. de Algerijnse en Pakistaanse bedrijfsactiviteiten in 2024, en de Braziliaanse bedrijfsactiviteiten in 2025.
| Afstemming van netto financiële schuld | 30/06/2025 | 31/12/2024 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Voort | Be | Voort | Be | |||||
| in miljoen € | gezet | ëindigd | Totaal | gezet | ëindigd | Totaal | ||
| Langlopende rentedragende leningen | A | 488,6 | 0,4 | 488,9 | 667,1 | 10,9 | 678,0 | |
| Kortlopende rentedragende leningen | B | 208,2 | 0,8 | 209,0 | 53,1 | 5,2 | 58,3 | |
| Bruto financiële schuld | C = A+B | 696,8 | 1,2 | 698,0 | 720,2 | 16,1 | 736,3 | |
| Geldmiddelen & kasequivalenten | D | 96,7 | 49,0 | 145,8 | 56,9 | 67,3 | 124,2 | |
| Netto financiële schuld | E = C-D | 600,0 | (47,8) | 552,2 | 663,3 | (51,2) | 612,0 | |
| Aangepaste EBITDA (LTM) | F | 199,1 | 7,3 | 206,3 | 222,6 | 25,7 | 248,3 | |
| Hefboomratio | G = E/F | 2,68x | 2,46x |
Het netto werkkapitaal wordt berekend door voorraden, handelsvorderingen en vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen bij elkaar op te tellen en handelsschulden en toegerekende kosten en overige schulden af te trekken. De ratio t.o.v. de geannualiseerde omzet van de laatste 3 maanden sluit de bijdrage van de sindsdien afgestoten bedrijven uit, d.w.z. de Braziliaanse bedrijfsactiviteiten in 2025.
| Afstemming van bedrijfskapitaal | 30/06/2025 | 31/12/2024 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Voort | Be | Voort | Be | ||||
| in miljoen € | gezet | ëindigd | Totaal | gezet | ëindigd | Totaal | |
| Voorraden | H | 282,1 | 11,2 | 293,3 | 292,9 | 34,0 | 326,9 |
| Handelsvorderingen | I | 194,0 | 19,5 | 213,6 | 204,1 | 41,2 | 245,3 |
| Vooruitbetaalde kosten & overige vorderingen |
J | 81,7 | 1,5 | 83,2 | 67,2 | 4,8 | 72,0 |
| Handelsschulden | K | 423,7 | 19,7 | 443,4 | 440,1 | 58,2 | 498,3 |
| Toegerekende kosten & overige schulden |
L | 22,4 | 1,4 | 23,7 | 21,1 | 7,2 | 28,3 |
| Netto werkkapitaal | M = H+I+J-K-L | 111,8 | 11,2 | 123,0 | 103,0 | 14,5 | 117,5 |
| Netto werkkapitaal / omzet (L3M) | N = M/(4*a) | 6,8% | 5,3% |
Like-for-like omzet wordt gedefinieerd als omzet tegen constante valuta, exclusief veranderingen in de consolidatieperimeter of overnames en de desinvesteringen en exclusief de impact van hyperinflatie. De reconciliatie van like-for-like omzet is te vinden op pagina 3. De omzetgroei op vergelijkbare basis wordt berekend door de like-for-like omzet te vergelijken met de omzet van het vorige jaar.

De aangepaste EBITDA wordt gedefinieerd netto resultaat vóór aftrek van netto financiële kosten, winstbelastingen en afschrijvingen. (gewoonlijk gedefinieerd als EBITDA) plus EBITDA-aanpassingen. De aangepaste EBITDA-marge is de aangepaste EBITDA gedeeld door omzet.
De componenten die opgenomen worden onder de rubriek EBITDA-aanpassingen zijn deze componenten die door het management niet beschouwd worden als verbonden aan de transacties, projecten en aanpassingen van de waarde van activa en passiva binnen het kader van de gewone bedrijfsactiviteiten van de Groep. Deze opbrengsten en kosten worden afzonderlijk gepresenteerd omdat ze belangrijk zijn voor een goed begrip door de gebruikers van de geconsolideerde jaarrekening van de genormaliseerde prestaties van de Groep vanwege hun omvang of aard.
De EBITDA-aanpassingen hebben betrekking op:
Kosten verbonden aan overnames en desinvesteringen;
Wijzigingen in de waardering van de voorwaardelijke vergoedingen in het kader van bedrijfscombinaties;
Wijzigingen in de groepsstructuur, kosten met betrekking tot herstructurering van de activiteiten, met inbegrip van kosten die betrekking hebben op de vereffening van dochterondernemingen en de sluiting, opening of verplaatsing van fabrieken;
Bijzondere waardeverminderingen op activa en significante geschillen.
EBITDA-aanpassingen van de Groep bestaan uit volgende componenten in de geconsolideerde resultatenrekening:
Opbrengsten/(kosten) gerelateerd aan wijzigingen in de groepsstructuur; en
Opbrengsten/(kosten) gerelateerd aan bijzondere waardeverminderingen en significante geschillen.
| Afstemming van winst- & verliesrekening | 2025 | 2024 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Voort | Be | Voort | Be | ||||
| in miljoen € | gezet | ëindigd | Totaal | gezet | ëindigd | Totaal | |
| Kwartaal 2 | |||||||
| Omzet | a | 429,7 | 19,5 | 449,1 | 455,9 | 74,7 | 530,6 |
| Bedrijfswinst/(verlies) | b | 13,9 | (113,4) | (99,5) | (3,1) | (18,2) | (21,3) |
| Afschrijvingen | c | (19,2) | 0,0 | (19,2) | (18,4) | 0,0 | (18,4) |
| EBITDA d = b-c |
33,0 | (113,4) | (80,3) | 15,3 | (18,2) | (2,8) | |
| Kosten & opbrengsten gerelateerd aan wijzigingen in de groepsstructuur |
e | (0,3) | (114,6) | (114,9) | (37,7) | (26,5) | (64,2) |
| Kosten & opbrengsten gerelateerd aan waardeverminderingen & significante geschillen |
f | (2,4) | (1,4) | (3,8) | (3,8) | - | (3,8) |
| EBITDA-aanpassingen g = -e-f |
2,6 | 116,0 | 118,7 | 41,6 | 26,5 | 68,0 | |
| Aangepaste EBITDA h = d+g |
35,7 | 2,6 | 38,3 | 56,9 | 8,3 | 65,2 | |
| Aangepaste EBITDA-marge i = h/a |
8,3% | 13,6% | 8,5% | 12,5% | 11,1% | 12,3% | |
| Halfjaar 1 | |||||||
| Omzet | a | 880,3 | 81,9 | 962,2 | 916,1 | 165,9 | 1.082,0 |
| Bedrijfswinst/(verlies) | b | 42,8 | (109,4) | (66,7) | 31,1 | (6,8) | 24,3 |
| Afschrijvingen | c | (38,1) | (0,0) | (38,1) | (36,4) | (0,0) | (36,4) |
| EBITDA d = b-c |
80,9 | (109,4) | (28,5) | 67,5 | (6,8) | 60,7 | |
| Kosten & opbrengsten gerelateerd aan wijzigingen in de groepsstructuur |
e | (2,5) | (115,9) | (118,4) | (38,5) | (26,8) | (65,3) |
| Kosten & opbrengsten gerelateerd aan waardeverminderingen & significante geschillen |
f | (2,8) | 0,0 | (2,8) | (3,8) | - | (3,8) |
| EBITDA-aanpassingen g = -e-f |
5,3 | 115,9 | 121,2 | 42,2 | 26,8 | 69,1 | |
| Aangepaste EBITDA h = d+g |
86,2 | 6,5 | 92,7 | 109,8 | 20,0 | 129,8 | |
| Aangepaste EBITDA-marge i = h/a |
9,8% | 7,9% | 9,6% | 12,0% | 12,1% | 12,0% |
Meer informatie over de EBITDA-aanpassingen zijn te vinden op pagina 7.

De aangepaste winst wordt gedefinieerd als de winst voor de periode plus EBITDA-aanpassingen en de impact van deze EBITDA-aanpassingen op de winstbelastingen. De aangepaste gewone winst per aandeel wordt gedefinieerd als de aangepaste winst gedeeld door het gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen.
| Afstemming van aangepaste winst | Halfjaar 1 | |||
|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | ||
| Winst/(verlies) uit voortgezette activiteiten | j | (3,7) | 9,6 | |
| EBITDA-aanpassingen | g | 5,3 | 42,2 | |
| Impact van EBITDA-aanpassingen op winstbelasting | k | (1,3) | (10,5) | |
| Aangepaste winst uit voortgezette activiteiten | l = j+g+k | 0,3 | 41,4 | |
| Gewogen gemiddelde aantal aandelen uitstaand in de periode (in miljoen) | o | 80,3 | 81,1 | |
| Aangepaste gewone winst/(verlies) per aandeel uit voortgezette bedrijfsactiviteiten (in €) | m = l/o | 0,00 | 0,51 |
De vrije kasstroom wordt gedefinieerd als de netto kasstroom gegenereerd uit bedrijfsactiviteiten (zoals weergegeven in het geconsolideerde kasstroomoverzicht, d.w.z. inclusief betaalde winstbelastingen) verminderd met investeringsuitgaven (gedefinieerd als aankopen van materiële vaste activa en immateriële activa), verminderd met de aflossing van leaseverplichtingen en met inbegrip van geldmiddelen (gebruikt in)/uit vervreemding, minus de financieringskasstromen, d.w.z. betaalde en ontvangen interesten, overige financieringskosten, gerealiseerde wisselkoersresultaten uit financieringsactiviteiten en afgeleide financiële activa.
| Afstemming van vrije kasstroom | Halfjaar 1 | ||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Bedrijfsresultaat (Totale Groep) | b | (66,7) | 24,3 |
| Afschrijvingen (Totale Groep) | c | (38,1) | (36,4) |
| EBITDA (Totale Groep) | d = b-c | (28,5) | 60,7 |
| Niet-monetaire elementen en elementen verbonden aan investerings- & | j | 97,6 | 66,3 |
| financieringsactiviteiten | |||
| Wijzigingen in werkkapitaal | k | (9,8) | (12,3) |
| Kortlopende verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen | l | (6,8) | 0,6 |
| Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten | m = d+j+k+l | 52,5 | 115,2 |
| Betaalde winstbelastingen | n | (10,1) | (5,1) |
| Nettokasstroom uit operationele activiteiten | o = m+n | 42,4 | 110,1 |
| Investeringsuitgaven (Aankoop van materiële vaste en immateriële activa) | p | (44,5) | (37,9) |
| Opbrengsten uit de verkoop van materiële vaste & immateriële activa | q | (0,0) | 0,1 |
| Terugbetaling van leaseverplichtingen | r | (12,5) | (12,4) |
| Vrije kasstroom voor financiering | s = o+p+q+r | (14,7) | 59,8 |
| Betaalde interesten | t | (25,3) | (20,6) |
| Ontvangen interesten | u | 3,6 | 3,2 |
| Overige financieringskosten | v | (1,8) | 2,6 |
| Gerealiseerde wisselkoersresultaten uit financieringsactiviteiten | w | (0,7) | (1,1) |
| Afgeleide financiële activa | x | (1,4) | (0,7) |
| Vrije kasstroom | y = s+t+u+v+w+x | (40,3) | 43,2 |

| Verklaring van de Raad van Bestuur | ||||
|---|---|---|---|---|
| Verslag van de commissaris | 14 | |||
| 1. | Geconsolideerde balans | 16 | ||
| 2. | Geconsolideerde resultatenrekening | 17 | ||
| 3. | Geconsolideerd overzicht van het totaalresultaat | 18 | ||
| 4. | Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen | 19 | ||
| 5. | Geconsolideerd kasstroomoverzicht | 21 | ||
| 6. | Toelichtingen bij de tussentijds verkorte tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening | 22 | ||
| 6.1. | Bedrijfsinformatie | 22 | ||
| 6.2. | Samenvatting van de belangrijkste boekhoudkundige principes | 22 | ||
| 6.3. | Operationele segmenten | 26 | ||
| 6.4. | Goodwill | 26 | ||
| 6.5. | Immateriële activa | 27 | ||
| 6.6. | Materiële vaste activa | 27 | ||
| 6.7. | Recht-op-gebruik activa | 27 | ||
| 6.8. | Netto schuld | 28 | ||
| 6.9. | Voorzieningen | 28 | ||
| 6.10. | Voor verkoop aangehouden groep van activa die wordt afgestoten en beëindigde bedrijfsactiviteiten | 29 | ||
| 6.11. | EBITDA aanpassingen | 32 | ||
| 6.12. | Netto financiële kosten | 33 | ||
| 6.13. | Winst per aandeel | 34 | ||
| 6.14. | Op aandelen gebaseerde betalingen | 35 | ||
| 6.15. | Financiële instrumenten | 36 | ||
| 6.16. | Voorwaardelijke verplichtingen | 39 | ||
| 6.17. | Transacties met verbonden partijen | 40 | ||
| 6.18. | Gebeurtenissen na balansdatum | 40 | ||
| 6.19. | Alternatieve performantie-indicatoren | 41 | ||

De Raad van Bestuur van Ontex Group NV verklaart in naam en voor rekening van Ontex Group NV, dat, voor zover hen bekend,
de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële staten, die zijn opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards ("IFRS") zoals goedgekeurd door de Europese Unie, een getrouw beeld geven van het vermogen, van de financiële toestand en van de resultaten van Ontex Group NV en de in de consolidatie opgenomen ondernemingen;
het financieel verslag een getrouw overzicht geeft van de vereiste informatie die dient opgenomen te worden op basis van artikel 12, §2 van het Koninklijk Besluit van 14 november 2007.
De bedragen in dit document worden weergegeven in EUR miljoen (miljoen €) tenzij anders vermeld.
Als gevolg van afrondingen kunnen de cijfers gerapporteerd in deze tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening niet exact optellen tot de totalen die zijn weergegeven en kunnen de percentages afwijken van de absolute cijfers.





| in miljoen € | Ref | 30 juni 2025 | 31 december 2024 |
|---|---|---|---|
| Vaste activa | |||
| Goodwill | 6.4 | 793,0 | 799,4 |
| Immateriële activa | 6.5 | 32,3 | 33,8 |
| Materiële vaste activa | 6.6 | 508,6 | 497,6 |
| Recht-op-gebruik activa | 6.7 | 107,1 | 100,9 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 33,1 | 27,6 | |
| Langlopende vorderingen | 8,4 | 11,1 | |
| 1.482,6 | 1.470,4 | ||
| Vlottende activa | |||
| Voorraden | 282,1 | 292,9 | |
| Handelsvorderingen | 194,0 | 204,1 | |
| Vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen | 81,7 | 67,2 | |
| Actuele belastingvorderingen | 2,8 | 3,3 | |
| Afgeleide financiële activa | 3,1 | 6,3 | |
| Overige financiële activa | 0,1 | 0,0 | |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 6.8 | 96,7 | 56,9 |
| Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 6.10 | 106,2 | 259,3 |
| 766,7 | 890,2 | ||
| TOTAAL ACTIVA | 2.249,2 | 2.360,6 |
| in miljoen € | Ref | 30 juni 2025 | 31 december 2024 |
|---|---|---|---|
| Eigen vermogen toerekenbaar aan de aandeelhouders | |||
| van de moedermaatschappij | |||
| Kapitaal en uitgiftepremie | 1.208,0 | 1.208,0 | |
| Eigen aandelen | (35,7) | (31,0) | |
| Cumulatieve omrekeningsverschillen | (88,8) | (242,6) | |
| Overgedragen resultaat en overige reserves | (133,0) | (8,7) | |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN | 950,5 | 925,7 | |
| Langlopende verplichtingen | |||
| Voorzieningen m.b.t. personeelsbeloningen | 13,5 | 13,4 | |
| Rentedragende leningen | 6.8 | 488,6 | 667,1 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 18,8 | 16,0 | |
| Overige schulden | 1,5 | 2,0 | |
| 522,4 | 698,5 | ||
| Kortlopende verplichtingen | |||
| Rentedragende leningen | 6.8 | 208,2 | 53,1 |
| Afgeleide financiële verplichtingen | 5,8 | 2,0 | |
| Overige kortlopende financiële schulden | 2,5 | 0,0 | |
| Handelsschulden | 423,7 | 440,1 | |
| Toegerekende kosten en overige schulden | 22,4 | 21,1 | |
| Verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen | 38,5 | 45,3 | |
| Actuele belastingverplichtingen | 21,0 | 31,8 | |
| Voorzieningen | 6.9 | 17,9 | 38,3 |
| Verplichtingen verbonden aan activa geclassificeerd als | 6.10 | 36,5 | 104,6 |
| aangehouden voor verkoop | |||
| 776,3 | 736,3 | ||
| TOTAAL VERPLICHTINGEN | 1.298,8 | 1.434,8 | |
| TOTAAL EIGEN VERMOGEN EN VERPLICHTINGEN | 2.249,2 | 2.360,6 |

| Eerste Halfjaar | ||||
|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | Ref | 2025 | 2024 | |
| Omzet | 6.3 | 880,3 | 916,1 | |
| Kostprijs van de omzet | (641,0) | (645,5) | ||
| Brutomarge | 239,3 | 270,5 | ||
| Distributiekosten | (105,4) | (100,9) | ||
| Verkoop- en marketingkosten | (41,9) | (40,5) | ||
| Algemene beheerskosten | (45,5) | (50,8) | ||
| Overige bedrijfsopbrengsten/(-kosten), netto | 1,6 | (5,0) | ||
| Kosten en opbrengsten gerelateerd aan wijzigingen in de | 6.11 | (2,5) | (38,5) | |
| groepsstructuur Kosten en opbrengsten gerelateerd aan waardeverminderingen en |
||||
| significante geschillen | 6.11 | (2,8) | (3,8) | |
| Bedrijfswinst/(verlies) | 42,8 | 31,1 | ||
| Financiële opbrengsten | 2,9 | 1,8 | ||
| Financiële kosten | (27,5) | (25,3) | ||
| Nettowisselkoersverschillen op financieringsactiviteiten | (18,6) | (3,1) | ||
| Netto financiële kosten | 6.12 | (43,3) | (26,5) | |
| Winst/(verlies) vóór winstbelastingen | (0,5) | 4,6 | ||
| Winstbelastingen | (3,2) | 5,1 | ||
| Winst/(verlies) voor de periode uit voortgezette activiteiten | (3,7) | 9,6 | ||
| Winst/(verlies) voor de periode uit beëindigde activiteiten | 6.10 | (111,1) | (15,5) | |
| Winst/(verlies) voor de periode | (114,8) | (5,8) | ||
| Winst/(verlies) toewijsbaar aan: | ||||
| Aandeelhouders van de moedermaatschappij | (114,8) | (5,8) | ||
| Winst/(verlies) voor de periode | (114,8) | (5,8) |
| Eerste Halfjaar | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| in € | Ref | 2025 | 2024 | ||
| Voor voortgezette activiteiten | |||||
| Gewone winst per aandeel | (0,05) | 0,12 | |||
| Verwaterde winst per aandeel | (0,05) | 0,11 | |||
| Voor voortgezette en beëindigde activiteiten | |||||
| Gewone winst per aandeel | 6.13 | (1,43) | (0,07) | ||
| Verwaterde winst per aandeel | 6.13 | (1,43) | (0,07) | ||
| Gewogen gemiddelde aantal gewone aandelen uitstaand gedurende de periode |
80.335.291 | 81.148.812 |

| Eerste Halfjaar | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Winst/(verlies) voor de periode | (114,8) | (5,8) | |
| Overige elementen van het totaalresultaat voor de periode, na | |||
| winstbelastingen: | |||
| Omrekeningsverschillen op buitenlandse activiteiten | 153,8 | 25,6 | |
| Reële waarde herwaardering – Kasstroomafdekking | (5,2) | 3,0 | |
| Uitgestelde belastingen op componenten die later mogelijks kunnen opgenomen worden in de resultatenrekening |
0,4 | (0,6) | |
| Componenten die later mogelijks kunnen opgenomen worden in de resultatenrekening, na belastingen |
149,0 | 27,9 | |
| Overige elementen van het totaalresultaat voor de periode, na belastingen | 149,0 | 27,9 | |
| Totaalresultaat voor de periode | 34,3 | 22,1 | |
| Totaalresultaat toewijsbaar aan: | |||
| Aandeelhouders van de moedermaatschappij | 34,3 | 22,1 | |
| Totaalresultaat voor de periode | 34,3 | 22,1 |

| Toerekenbaar aan aandeelhouders van de Groep | |||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Overige reserves | |||||||||||
| in miljoen € | Aantal aandelen |
Kapitaal | Uitgifte premie |
Eigen Aandelen |
Cumulatieve omrekenings -verschillen |
Overgedragen resultaat |
Herwaardering toegezegde pensioen regelingen |
Kasstroom indekking |
Op aandelen gebaseerde betalingen |
Overige | Totaal Eigen vermogen |
| Saldo per 31 december 2024 | 82.347.218 | 795,2 | 412,7 | (31,0) | (242,6) | (309,7) | 2,3 | 4,0 | 11,4 | 283,4 | 925,7 |
| Transacties met aandeelhouders op niveau van Ontex Group NV: |
|||||||||||
| Op aandelen gebaseerde betalingen | - | - | - | - | - | 2,5 | - | - | (0,8) | - | 1,7 |
| Afwikkeling van op aandelen | - | - | - | 6,6 | - | - | - | - | (1,1) | (5,5) | (0,0) |
| Inkoop eigen aandelen |
- | - | - | (11,2) | - | - | - | - | - | - | (11,2) |
| Descope | - | - | - | - | - | (0,4) | 0,0 | 0,4 | - | 0,0 | (0,0) |
| Totaal transacties met aandeelhouders |
- | - | - | (4,6) | - | 2,1 | 0,0 | 0,4 | (1,9) | (5,5) | (9,5) |
| Totaalresultaat: | |||||||||||
| Winst/(verlies) van de periode | - | - | - | - | - | (114,8) | - | - | - | - | (114,8) |
| Overige elementen van het | - | - | - | - | 153,8 | 0,0 | 0,0 | (4,8) | - | - | 149,0 |
| Saldo op 30 juni 2025 | 82.347.218 | 795,2 | 412,7 | (35,7) | (88,8) | (422,4) | 2,3 | (0,4) | 9,5 | 277,9 | 950,5 |

| Toerekenbaar aan aandeelhouders van de Groep | |||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Overige reserves | |||||||||||
| in miljoen € | Aantal aandelen |
Kapitaal | Uitgifte premie |
Eigen Aandelen |
Cumulatieve omrekenings -verschillen |
Overgedragen resultaat |
Herwaardering toegezegde pensioen regelingen |
Kasstroom indekking |
Op aandelen gebaseerde betalingen |
Overige | Totaal Eigen vermogen |
| Saldo per 31 december 2023 | 82.347.218 | 795,2 | 412,8 | (32,3) | (246,8) | (322,8) | 2,0 | (2,5) | 11,5 | 285,0 | 902,0 |
| Transacties met aandeelhouders op niveau van Ontex Group NV: |
|||||||||||
| Op aandelen gebaseerde betalingen | - | - | - | - | - | 3,0 | - | - | 0,3 | - | 3,3 |
| Afwikkeling van op aandelen gebaseerde betalingen |
- | - | - | 2,5 | - | - | - | - | (0,9) | (1,6) | - |
| Eigen aandelen | - | - | - | (0,4) | - | - | - | - | - | - | (0,4) |
| Descope | - | - | - | - | - | (0,2) | 0,2 | - | - | - | (0,0) |
| Totaal transacties met aandeelhouders |
- | - | - | 2,1 | - | 2,8 | 0,2 | - | (0,5) | (1,6) | 3,0 |
| Totaalresultaat: | |||||||||||
| Winst/(verlies) van de periode | - | - | - | - | - | (5,8) | - | - | - | - | (5,8) |
| Overige elementen van het totaalresultaat |
- | 0,0 | - | - | 25,6 | 0,0 | 0,0 | 2,3 | - | - | 27,9 |
| Saldo op 30 juni 2024 | 82.347.218 | 795,2 | 412,8 | (30,3) | (221,2) | (325,8) | 2,2 | (0,1) | 11,0 | 283,4 | 927,0 |

| Eerste Halfjaar | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| KASSTROOM UIT OPERATIONELE ACTIVITEITEN | |||
| Winst/(verlies) voor de periode | (114,8) | (5,8) | |
| Aanpassingen voor: | |||
| Winstbelastingen | 5,2 | (0,1) | |
| Afschrijvingen | 38,1 | 36,4 | |
| Bijzondere waardeverminderingen en elementen verbonden aan investeringsactiviteiten |
114,6 | 29,1 | |
| Voorzieningen (inclusief langlopende verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen) | (19,3) | 39,8 | |
| Wijziging in reële waarde van financiële instrumenten | 2,2 | (2,6) | |
| Netto financiële kosten | 42,9 | 30,2 | |
| Wijzigingen in werkkapitaal: | |||
| Voorraden | 11,6 | (34,3) | |
| Handelsvorderingen, vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen | (9,6) | (29,2) | |
| Handelsschulden, toegerekende kosten en overige schulden | (11,8) | 51,1 | |
| Kortlopende verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen | (6,8) | 0,6 | |
| Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 52,5 | 115,2 | |
| Betaalde winstbelastingen | (10,1) | (5,1) | |
| NETTOKASSTROOM UIT OPERATIONELE ACTIVITEITEN | 42,4 | 110,1 | |
| KASSTROOM UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN | |||
| Aankoop van materiële vaste en immateriële activa | (44,5) | (37,9) | |
| Opbrengsten uit de verkoop van materiële vaste en immateriële activa | (0,0) | 0,1 | |
| Vergoeding ontvangen voor desinvestering, netto van verkochte geldmiddelen en transactiekosten |
101,5 | 33,6 | |
| NETTOKASSTROOM GEBRUIKT VOOR / UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN | 57,0 | (4,2) | |
| Eerste Halfjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| KASSTROOM UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN | ||
| Inkomsten uit leningen | 552,8 | 250,8 |
| Aflossingen van leningen | (604,2) | (347,7) |
| Betaalde interesten | (25,3) | (20,6) |
| Ontvangen interesten | 3,6 | 3,2 |
| Overige financieringskosten | (1,8) | 2,6 |
| Gerealiseerde wisselkoersresultaten uit financieringsactiviteiten | (0,7) | (1,1) |
| Afgeleide financiële activa | (1,4) | (0,7) |
| NETTOKASSTROOM GEBRUIKT VOOR / UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN | (77,0) | (113,5) |
| NETTO TOENAME / (AFNAME) GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN | 22,4 | (7,6) |
| Cumulatieve wisselkoersverschillen op mutaties in geldmiddelen | (0,9) | (0,7) |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN BIJ HET BEGIN VAN DE PERIODE | 124,2 | 168,3 |
| GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN BIJ HET EINDE VAN DE PERIODE | 145,8 | 159,9 |
| Waarvan gepresenteerd als Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 49,0 | 73,6 |

De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group NV (de 'Groep' of 'Ontex') voor het eerste halfjaar afgesloten op 30 juni 2025 werd goedgekeurd voor uitgifte overeenkomstig het besluit van de Raad van Bestuur van 30 juli 2025.
Ontex Group is een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, opgericht in de vorm van een naamloze vennootschap ("NV") naar Belgisch recht, met ondernemingsnummer 0550.880.915. De maatschappelijke zetel van Ontex Group is gevestigd te Korte Keppestraat 21, 9320 Erembodegem (Aalst), België. De aandelen van Ontex Group worden genoteerd op de gereguleerde markt van Euronext Brussel.
De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening van de Groep voor de eerste zes maanden eindigend op 30 juni 2025 werd opgesteld in overeenstemming met IAS 34 – Tussentijdse financiële verslaggeving, zoals goedgekeurd door de Europese Unie. Deze omvat niet alle informatie vereist voor de opstelling van de geconsolideerde jaarrekening en dient samen bekeken te worden met de geauditeerde geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group NV voor het boekjaar eindigend 31 december 2024, die beschikbaar is op de website: https://www.ontexglobal.com.
De bedragen in deze documenten worden gerapporteerd in miljoenen €, tenzij anders vermeld. Dit kan aanleiding geven tot afrondingsverschillen in de tabellen opgenomen in dit rapport.
Dit rapport werd opgesteld in het Nederlands en vertaald in het Engels. In geval van discrepanties tussen de twee versies zal de Nederlandstalige versie voorrang hebben.
Een samenvatting van de belangrijkste boekhoudkundige principes werd opgenomen in de geauditeerde geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group NV voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2024 dat zich bevindt in het Geïntegreerd Jaarverslag 2024 op de website (https://www.ontexglobal.com), van pagina 84 tot en met pagina 97. De boekhoudkundige principes zijn op consistente wijze toegepast doorheen de betrokken perioden.
De boekhoudkundige principes die van toepassing zijn bij de tussentijdse verkorte geconsolideerde financiële rapportering voor de periode van 1 januari 2025 tot 30 juni 2025 zijn in overeenstemming met de principes die toegepast werden in de geauditeerde geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group NV voor het boekjaar afgesloten 31 december 2024.
De volgende nieuwe standaarden en wijzigingen aan standaarden zijn voor het eerst verplicht van toepassing voor het boekjaar startend op 1 januari 2025 en zijn goedgekeurd door de EU:
Wijzigingen aan IAS 21 De effecten van wijzigingen in wisselkoersen: gebrek aan uitwisselbaarheid (van kracht per 1 januari 2025). IAS 21 behandelde voorheen niet hoe wisselkoersen moeten worden bepaald in het geval er langdurig gebrek aan uitwisselbaarheid is en de contante koers die door het bedrijf moet worden toegepast niet waarneembaar is. De wijzigingen met beperkt toepassingsgebied voegen specifieke eisen toe aan:
Bepalen wanneer een valuta inwisselbaar is in een andere en wanneer niet;
Bepalen van de toe te passen wisselkoers indien een valuta niet inwisselbaar is;
Aanvullende toelichtingen die moeten worden verstrekt wanneer een valuta niet inwisselbaar is.
De hierboven vermelde wijzigingen hebben geen impact gehad op de tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening.

De volgende nieuwe wijzigingen aan standaarden werden gepubliceerd, maar zijn nog niet voor het eerst verplicht van toepassing voor het boekjaar startend op 1 januari 2025 en zijn goedgekeurd door de EU. Zij die het meest relevant kunnen zijn voor de tussentijds verkorte geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group, worden hieronder uiteengezet.
Wijzigingen aan IFRS 9 en aan IFRS 7: De classificatie en waardering van financiële instrumenten (effectief vanaf 1 januari 2026). Op 30 mei 2024 heeft de IASB wijzigingen aan IFRS 9 en IFRS 7 uitgegeven om:
de datum van herkenning en afboeking van sommige financiële activa en verplichtingen te verduidelijken, met een nieuwe uitzondering voor sommige financiële verplichtingen die worden afgewikkeld via een elektronisch geld overdracht systeem;
de beoordeling of een financieel actief voldoet aan het criterium van uitsluitend betalingen van hoofdsom en rente (SPPI) te verduidelijken;
nieuwe toelichtingen toe te voegen voor bepaalde instrumenten met contractuele voorwaarden die de kasstromen kunnen wijzigen (zoals sommige instrumenten met kenmerken die gekoppeld zijn aan het behalen van milieu-, sociale en governance (ESG) doelen);
de toelichtingen bij aandelen instrumenten die worden aangewezen tegen reële waarde via het overige totaalresultaat (FVOCI) bij te werken.
De volgende nieuwe standaarden en wijzigingen aan standaarden werden gepubliceerd, maar zijn nog niet voor het eerst verplicht van toepassing voor het boekjaar startend op 1 januari 2025 en zijn nog niet goedgekeurd door de EU. Zij die het meest relevant kunnen zijn voor de tussentijds verkorte geconsolideerde jaarrekening van Ontex Group, worden hieronder uiteengezet.
Wijzigingen aan IFRS 9 en aan IFRS 7: Contracten die verwijzen naar natuur-afhankelijke elektriciteit (effectief vanaf 1 januari 2026). Op 18 december 2024 heeft de IASB wijzigingen aan IFRS 9 en IFRS 7 uitgegeven:
verduidelijking van de toepassing van de eisen voor 'eigen gebruik';
toestaan van hedge accounting als deze contracten als afdekkingsinstrument worden gebruikt; en
toevoeging van nieuwe toelichtingsvereisten om beleggers in staat te stellen het effect van deze contracten op de financiële prestaties en kasstromen van een bedrijf te begrijpen.
IFRS 18: Presentatie en toelichting in de jaarrekening (effectief vanaf 1 januari 2027). De IASB heeft IFRS 18 uitgegeven, de nieuwe standaard voor presentatie en toelichting in de jaarrekening, met een focus op aanpassingen aan de resultatenrekening. De belangrijkste nieuwe concepten die geïntroduceerd worden in IFRS 18 hebben betrekking op:
de structuur van de resultatenrekening;
verplichte toelichtingen in de jaarrekening voor bepaalde prestatie-indicatoren van winst en verlies die buiten de financiële overzichten van een entiteit worden gerapporteerd (dat wil zeggen, door het management gedefinieerde prestatie-indicatoren); en
verbeterde principes voor aggregatie en disaggregatie die van toepassing zijn op de primaire financiële overzichten en toelichtingen in het algemeen.
IFRS 18 zal IAS 1 vervangen; veel van de andere bestaande principes in IAS 1 worden behouden, met beperkte wijzigingen. IFRS 18 zal geen invloed hebben op de erkenning of waardering van posten in de jaarrekening, maar het kan wel veranderen wat een entiteit rapporteert als haar 'operationele winst of verlies'.
IFRS 18 zal van toepassing zijn op verslagperiodes die beginnen op of na 1 januari 2027 en is ook van toepassing op vergelijkende informatie. De veranderingen in presentatie en toelichtingen die vereist zijn door IFRS 18 kunnen systeemen proceswijzigingen vereisen.
De hierboven vermelde amendementen aan IFRS 9 en IFRS 7 zullen naar verwachting geen impact hebben op de tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening. De impact van de standaard IFRS 18 dient nog geanalyseerd te worden.

In 2022 kreeg de Turkse economie verder te maken met een snelle inflatie, waardoor de gecumuleerde inflatie van Turkije over drie jaar meer dan 100% bedroeg. Daardoor werd het noodzakelijk om over te schakelen op de boekhoudkundige verwerking van hyperinflatie, zoals voorgeschreven door IAS 29 - Financiële verslaggeving in economieën met hyperinflatie. IAS 29 schrijft voor dat de resultaten van de activiteiten van de onderneming in Turkije gerapporteerd moeten worden alsof deze sterk inflatoir zijn vanaf 1 januari 2022. De IFRS standaard was van toepassing vanaf 2022 en werd sindsdien consistent toegepast.
Volgens IAS 29 worden de tegen historische kostprijs gewaardeerde niet-monetaire activa en passiva, het eigen vermogen en de resultatenrekening van dochterondernemingen die actief zijn in economieën met hyperinflatie, aangepast voor wijzigingen in de algemene koopkracht van de lokale valuta door toepassing van een algemene prijsindex. Deze herberekende posities worden gebruikt voor de omrekening in euro tegen de wisselkoers aan het einde van de periode. Hierdoor worden de balans en de nettoresultaten van dochterondernemingen die actief zijn in economieën met hyperinflatie, vermeld in termen van de meeteenheid die geldt op het einde van de verslagperiode.
Opbrengsten en kosten die ongelijkmatig voorkomen tijdens het boekjaar worden toegerekend of overgedragen in de tussentijdse financiële rapportering wanneer het gepast is om deze opbrengsten en kosten toe te rekenen of over te dragen aan het einde van de periode.
De winstbelastingen worden geboekt op basis van de raming door het management van het gewogen gemiddelde effectieve belastingtarief op jaarbasis dat voor het volledige boekjaar wordt verwacht.
Het opstellen van de tussentijdse verkorte jaarrekening houdt in dat het management beoordelingen, inschattingen en veronderstellingen moet maken die de toepassing van boekhoudkundige principes en gerapporteerde cijfers, zowel in de balans als in de resultatenrekening, beïnvloeden. De uiteindelijke resultaten kunnen afwijken van de gemaakte inschattingen.
De inschattingen en beoordelingen die een impact kunnen hebben op de tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening worden hieronder opgesomd.
De tussentijdse verkorte geconsolideerde jaarrekening is opgesteld op basis van het continuïteitsbeginsel, dat ervan uitgaat dat de activa zullen worden gerealiseerd en de passiva zullen worden voldaan in de normale bedrijfsvoering.
Op 27 november 2024 herfinancierde de Groep haar wentelkredietfaciliteit van 242,5 miljoen €, die een vervaldatum had in december 2025, met een nieuwe wentelkredietfaciliteit voor een bedrag van 270,0 miljoen € en een vervaldatum in november 2029. De nieuwe wentelkredietfaciliteit is onderhevig aan één financiële convenant, zijnde de hefboomconvenant ('Leverage-convenant'). De hefboomratio van de netto financiële schuld gedeeld door de Laatste 12 maanden Aangepaste EBITDA mag 3,50 niet overschrijden gedurende alle rapporteringsperiodes.
Op 3 april 2025 herfinancierde de Groep haar senior obligaties ter waarde van 580,0 miljoen € met vervaldatum in juli 2026, door nieuwe senior obligaties met een interestpercentage van 5,25% en vervaldatum in 2030 voor een bedrag van 400,0 miljoen €. De niet-achtergestelde obligaties hebben geen onderhoudsconvenanten waaraan voldaan moet worden.
Volgend op de lancering van het aanbod tot aankoop in cash in maart en welke werd afgerond in april 2025, die werd aanvaard voor 283,1 miljoen € van de initieel uitstaande 580,0 miljoen €, was het resterend uitstaande bedrag 296,9 miljoen €. De Groep zal de resterend uitstaande Notes, plus opgebouwde en onbetaalde rente, indien van toepassing, aflossen op 15 juli 2025. Gelet op een 'satisfaction & discharge' mechanisme, werd het resterend gedeelte plus opgebouwde en onbetaalde rente, getransfereerd naar BNY Mellon Corporate Trustee Service Limited op 26 juni 2025 en is de Groep definitief verlost van haar verplichtingen voor dat resterende bedrag, wat ook wil zeggen dat dit niet langer openstaat in de geconsolideerde balans op 30 juni 2025.
De Groep voldeed aan alle vereisten van de leningsconvenant van de beschikbare kredietfaciliteiten doorheen de gerapporteerde periode.
Het management heeft gedetailleerde budgetten opgesteld voor de komende jaren, die de strategie van de Groep weerspiegelen. Het management erkent dat er onzekerheden zijn in deze budgetoefeningen, maar is ervan overtuigd dat het de vooropgestelde convenant zal behalen.

Jaarlijkse testen voor bijzondere waardeverminderingen worden in de loop van het vierde kwartaal uitgevoerd voor alle Kasstroom Genererende Eenheden ("KGE's"). Deze analyses vergelijken de boekwaarde van elke KGE met de realiseerbare waarde van de KGE's berekend op basis van een 'discounted cash flow'-model en rekening houdend met klimaatgerelateerde risico's, waarvoor we verwijzen naar het Geïntegreerd jaarverslag 2024. Er zijn geen materiële wijzigingen in de klimaatgerelateerde assumpties in de eerste jaarhelft van 2025. Indien de realiseerbare waarde lager is dan de boekwaarde van de KGE, wordt er onmiddellijk een bijzonder waardeverminderingsverlies opgenomen in de resultatenrekening.
Als gevolg van de voltooiing van de verkoop van de Braziliaanse activiteiten in de eerste jaarhelft van 2025, identificeert de Groep de volgende Kasstroom Genererende Eenheden:
Europa
Rusland
Noord-Amerika
Als deel van 'Voor verkoop aangehouden Activa': Turkije
Tijdens de eerste jaarhelft van 2025 werd er enkel voor KGE 'Rusland' indicaties voor een eventuele bijzondere waardevermindering geïdentificeerd. De test op bijzondere waardevermindering onthulde echter geen nood voor bijzondere waardeverminderingen. Voor meer details, zie toelichting 6.4.
Na de aankondiging van de heroriëntatiestrategie eind 2021, die begin 2022 bevestigd werd, kondigde de Groep aan dat het desinvesteringsopportuniteiten zal nastreven voor de activiteiten in de "Emerging Markets".
De "Emerging Markets" worden voornamelijk gedreven door eigen merken en omvatten in hoofdzaak de Centraal- en Zuid- Amerikaanse activiteiten, alsook die in het Midden-Oosten en Afrika. Deze activiteiten zijn als dusdanig geclassificeerd als een groep activa die wordt afgestoten, aangehouden voor verkoop, en afzonderlijk gepresenteerd in de balans.
Vaste activa (en groepen activa die worden afgestoten) geclassificeerd als aangehouden voor verkoop worden gewaardeerd tegen de laagste waarde van hun vorige boekwaarde en hun reële waarde minus de verkoopkosten. Elk verschil tussen de boekwaarde en de reële waarde verminderd met de verkoopkosten wordt opgenomen als een bijzonder waardeverminderingsverlies. De afschrijving van die activa wordt stopgezet vanaf hun classificatie als aangehouden voor verkoop.
De verkoop van de Braziliaanse activiteiten werd voltooid in de eerste jaarhelft van 2025, terwijl de Algerijnse, Pakistaanse en Centraal-Amerikaanse activiteiten in 2024 en 2023 werden verkocht. De overgebleven activa en passiva binnen de voor verkoop aangehouden groep van activa bevat de Turkse activiteiten, die aan de vereisten van IFRS 5 voldoen. De voltooiing van de verkoop van de Turkse activiteiten wordt verwacht in de tweede jaarhelft van 2025.
De Groep volgt de ontwikkelingen in het conflict tussen Rusland en Oekraïne op de voet, aangezien dit het vermogen van Ontex om in deze regio's te opereren verstoort. Ontex concentreert zich in de eerste plaats op de veiligheid van zijn werknemers en de Groep verleent de nodige steun. Ontex heeft verkoop- en marketingkantoren in Rusland en Oekraïne en een productie-eenheid in Noginsk, nabij Moskou.
In het eerste halfjaar van 2025 heeft de Groep een omzet gerealiseerd van 53,0 miljoen € (eerste halfjaar 2024: 47,0 miljoen €) in Rusland. De vaste activa in Rusland vertegenwoordigen 15,3 miljoen € (2024: 12,5 miljoen €) van de geconsolideerde vaste activa van de Groep en omvatten voornamelijk machines en recht-op-gebruik activa (geleasde productiefaciliteiten). De productie- en commerciële activiteiten blijven nog aan de gang aangezien de Russische Ontex activiteit essentiële producten levert, echter zijn deze sterk afhankelijk van de aanvoer van de nodige grondstoffen en hulpbronnen aan de lokale productiefaciliteit.
Vanaf het begin van de invasie van Oekraïne door Rusland heeft Ontex strenge voorwaarden gesteld aan de voortzetting van zijn activiteiten in Rusland, waaronder een investeringsstop door fondsen die niet gegenereerd zijn door de Russische activiteiten, een stop op de export uit Rusland naar andere Europese entiteiten en de aanpassing aan de wijzigende economische sancties en verstoringen van de bevoorrading. We hebben ons bedrijfsmodel aangepast om te voldoen aan de veranderende regelgeving inzake economische sancties. Dit heeft geleid tot de toenemende autonomie van de

meeste lokale activiteiten in Rusland binnen een door de Groep gedefinieerd kader, waarbij de normen van Ontex inzake kwaliteit, veiligheid, financiële controles, rapportering en doelstellingen nageleefd kunnen blijven worden.
De Groep was al zeer beperkt aanwezig in Oekraïne, met een paar personeelsleden in commerciële activiteiten en geen productie of activa in eigendom en houdt nu een minimaal activiteitsniveau aan zonder de werknemers in gevaar te brengen. Ontex realiseerde een omzet van ongeveer 2,0 miljoen € in het eerste halfjaar van 2025 ten opzichte van 3,0 miljoen € in het eerste halfjaar van 2024.
Volgens IFRS 8 worden rapporteerbare operationele segmenten geïdentificeerd op basis van de "management approach". Deze aanpak bepaalt de externe segmentrapportering op basis van de interne organisatie en managementstructuur van de Groep alsmede de interne financiële verslaggeving aan de hoogstgeplaatste functionaris die belangrijke operationele beslissingen neemt. De activiteiten van de Groep zitten in één segment, "Hygiënische wegwerpproducten". Er zijn geen andere belangrijke bedrijfsklassen, noch individueel noch gezamenlijk. Het hoogstgeplaatste orgaan dat belangrijke operationele beslissingen neemt, de Raad van Bestuur, analyseert de bedrijfsresultaten en bedrijfsplannen en wijst middelen toe voor de hele onderneming. Daarom opereert de Groep als één segment.
De belangrijkste productcategorieën zijn:
Baby Care (Babyverzorgingsproducten): voornamelijk luiers, babybroekjes en, in mindere mate, vochtige doekjes;
Adult Care (Incontinentieproducten voor volwassenen): voornamelijk broekjes, luiers, incontinentiehanddoeken en bed bescherming;
Feminine Care (Dameshygiëneproducten): maandverband, inlegkruisjes en tampons.
| Eerste Halfjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Adult Care | 406,1 | 394,5 |
| Baby Care | 351,9 | 390,7 |
| Feminine Care | 114,0 | 120,5 |
| Overige | 8,3 | 10,3 |
| Totaal omzet | 880,3 | 916,1 |
De activiteiten van Ontex Group zijn niet onderhevig aan significante seizoenschommelingen tijdens het jaar. Naar aanleiding hiervan werd er geen bijkomende toelichting opgenomen voor de 12 maanden periode eindigend op de tussentijdse rapporteringsdatum (IAS 34.21).
De wijziging in goodwill heeft betrekking op wisselkoersverschillen die in het eerste halfjaar 6,4 miljoen € (kost) bedragen.
De Groep identificeert de volgende kasstroomgenererende eenheden (KGE's) die gebruikt worden voor de test op bijzondere waardevermindering:
Europa
Rusland
Noord-Amerika
Jaarlijkse testen voor bijzondere waardeverminderingen worden in de loop van het vierde kwartaal uitgevoerd voor alle KGE's. Deze testen vergelijken de boekwaarde van elke KGE met de realiseerbare waarde van de KGE's berekend op basis van een 'discounted cash flow'-model. Indien de realiseerbare waarde lager is dan de boekwaarde van de KGE, wordt er onmiddellijk een bijzonder waardeverminderingsverlies opgenomen in de resultatenrekening.
Naar aanleiding van het aanhoudende conflict tussen Rusland en Oekraïne heeft de Groep in het eerste halfjaar van 2025 een update uitgevoerd van de test op bijzondere waardevermindering voor de KGE 'Rusland', hoewel de goodwill nul

bedraagt. Het resultaat van deze test leidde niet tot bijkomende bijzondere waardeverminderingen op de Russische activa.
De realiseerbare waarden van kasstroomgenererende eenheden (KGE's) worden bepaald op basis van berekeningen van de bedrijfswaarde. Deze berekeningen vereisen het gebruik van inschattingen en veronderstellingen, met inbegrip van macroeconomische omstandigheden, de vraag en concurrentie op de markten waarop we actief zijn, het productaanbod, de productmix en prijszetting, de beschikbaarheid en de kostprijs van grondstoffen, directe en indirecte kosten, de operationele marges, groeivoeten, investeringsuitgaven en werkkapitaal, enz. zoals weerspiegeld in de financiële budgetten en de strategische plannen van Ontex, alsook de disconteringsvoeten. De pre-tax disconteringsvoet voor Rusland bedroeg 21,9% in vergelijking met een pre-tax verdisconteringsvoet van 22,4% per einde 2024. Kasstromen na de periode van het strategisch plan, die over een periode van drie jaar lopen, worden geëxtrapoleerd zonder gebruik te maken van een geraamd groeipercentage, gelijkaardig aan 2024. Een sensitiviteitsanalyse toont aan dat er geen risico voor bijzondere waardevermindering is bij realistische scenario's.
De Groep heeft immateriële activa verworven voor een totaalbedrag van 5,2 miljoen €, voornamelijk met betrekking tot IT implementatiekosten voor een bedrag van 3,0 miljoen € (Eerste halfjaar 2024: 3,9 miljoen € waarvan 2,5 miljoen € betrekking heeft tot IT implementatiekosten) en geactiveerde ontwikkelingskosten.
De afschrijvingskosten voor de periode bedragen 5,5 miljoen € (Eerste halfjaar 2024: 4,6 miljoen €).
De Groep heeft afzonderlijke materiële vaste activa opgenomen voor een totaalbedrag van 39,5 miljoen €, voornamelijk met betrekking tot investeringen in uitbreidingen van de capaciteit, innovatie, investeringen om de efficiëntie te verbeteren en investeringen in de IT-infrastructuur (Eerste halfjaar 2024: 34,2 miljoen €).
De afschrijvingskosten voor de periode bedragen 21,9 miljoen € (Eerste halfjaar 2024: 21,1miljoen €). Er werden bijzondere waardeverminderingsverliezen opgenomen voor een bedrag van 2,4 miljoen € (Eerste halfjaar 2024: 3,8 miljoen €) in het eerste halfjaar van 2025, gelinkt aan een aantal productielijnen die niet langer in gebruik zijn.
De resterende beweging van de periode heeft betrekking op wisselkoersverschillen voor -3,9 miljoen € (Eerste halfjaar 2024: -0,9 miljoen €) en de transfer van vaste activa aangehouden voor verkoop naar materiële vaste activa voor een bedrag van 0,5 miljoen € (Eerste halfjaar 2024: 0,5 miljoen €).
Per 30 juni 2025 heeft de Groep verplichtingen om materiële vaste activa aan te kopen voor een bedrag van 62,0 miljoen €.
De Groep heeft nieuwe leaseovereenkomsten afgesloten voor een totale waarde van 8,1 miljoen € (Eerste halfjaar 2024: 9,1 miljoen €), voornamelijk met betrekking tot meubilair en voertuigen (6,8 miljoen €).
Verder zijn er aanpassingen aan leaseovereenkomsten geweest voor een bedrag van 9,2 miljoen € (Eerste halfjaar 2024: 1,6 miljoen €). De 9,2 miljoen € in huidig boekjaar is voornamelijk gelinkt aan de verlenging van de lease van een gebouw aan gewijzigde voorwaarden.
De afschrijvingskost voor de periode bedraagt 10,7 miljoen € (Eerste halfjaar 2024: 10,7 miljoen €).
De resterende beweging van de periode heeft betrekking op wisselkoersverschillen voor -0,4 miljoen € (Eerste halfjaar 2024: 1,1 miljoen €).
De leaseverplichtingen zijn opgenomen in de rentedragende leningen en bedragen 94,3 miljoen € onder langlopende verplichtingen en 20,1 miljoen € onder kortlopende verplichtingen (31 december 2024: 89,9 miljoen € langlopend en 19,8 miljoen € kortlopend).

De Groep bewaakt het kapitaal op basis van de netto schuldpositie. De netto schuldpositie van de Groep wordt berekend door alle kortlopende en langlopende rentedragende schulden bij elkaar op te tellen en daar de beschikbare kortlopende liquide middelen van af te trekken.
De netto schuldpositie van de Groep voor de periodes afgesloten op 30 juni 2025 en 31 december 2024 is als volgt:
| 30 juni 2025 | 31 december 2024 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | Voortgezette activiteiten |
Beëindigde activiteiten |
Totaal Groep |
Voortgezette activiteiten |
Beëindigde activiteiten |
Totaal Groep |
| Langlopende rentedragende leningen | 488,6 | 0,4 | 488,9 | 667,1 | 10,9 | 678,0 |
| Kortlopende rentedragende leningen | 208,2 | 0,8 | 209,0 | 53,1 | 5,2 | 58,3 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | (96,7) | (49,0) | (145,8) | (56,9) | (67,3) | (124,2) |
| Netto Financiële Schuldpositie | 600,0 | (47,8) | 552,2 | 663,3 | (51,2) | 612,0 |
Op 27 november 2024 herfinancierde de Groep haar wentelkredietfaciliteit van 242,5 miljoen €, die een vervaldatum had in december 2025, met een nieuwe wentelkredietfaciliteit voor een bedrag van 270,0 miljoen € en een vervaldatum in november 2029. De faciliteit heeft een interestvoet gebaseerd op de EURIBOR 1 maand plus een marge. De marge is afhankelijk van de leverage ratio en bedraagt 1,85% bij een leverage van 2,68 per juni 2025 (versus een marge van 1,60% bij de leverage per december 2025 van 2,46). Per 30 juni 2025 werd 185,0 miljoen € opgenomen onder de wentelkredietfaciliteit, versus 24,0 miljoen € op 31 december 2024.
De voornaamste financiering van de groep bestaat uit haar High Yield bond (Niet-achtergestelde Obligatie) van 400,0 miljoen € met vaste interestvoet van 5,25% en vervaldag in 2030, die de High Yield Bond (Niet-Achtergestelde Obligatie) voor een bedrag van 580,0 miljoen €, met vaste interestvoet van 3,50% en vervaldag in juli 2026, maar die werd terugbetaald in de eerste jaarhelft van 2025, vervangt, zoals beschreven in toelichting 6.2.
De Groep legt een voorziening aan voor juridische geschillen, die werden aangespannen tegen de Groep, door klanten, leveranciers of voormalige werknemers. De uitstaande herstructureringsprovisie per 30 juni 2025 is gelinkt aan de herstructurering van de Belgische productie- en distributieactiviteiten, die werd aangekondigd gedurende 2024 en die enerzijds de sluiting van de site in Eeklo omvat en anderzijds de omvorming van de site in Buggenhout tot een expertisecentrum voor onderzoek, ontwikkeling en productie van producten voor medium en zware incontinentiezorg. Het deel van de provisie dat reeds geboekt was per 31 december 2024 en verbruikt gedurende de eerste halfjaar betreft betalingen gedaan in het kader van de verdere uitvoering van het sociaal plan gelinkt aan de fabriek in Eeklo (met een groot deel van de betalingen reeds gedaan gedurende december 2024), samen met een aantal andere project gerelateerde kosten. De openstaande provisie per 30 juni 2025 is voornamelijk gerelateerd aan het sociaal plan voor de werknemers in Buggenhout, alsook een aantal kleinere project gerelateerde kosten.
De Groep is betrokken in een aantal juridische geschillen met klanten, leveranciers of voormalige werknemers die eigen zijn aan onze activiteiten.
Op 2 september 2014 werd de groep in kennis gesteld door de Spaanse nationale concurrentie commissie (CNMC) van hun onderzoek tegen 15 vennootschappen in de sector (waaronder 3 dochtervennootschappen van de groep: Ontex ES Holdco,S.A, Ontex Peninsular, S.A.U en Ontex ID, S.A U.) naar vermeende inbreuken tegen prijsafspraken en andere commerciële condities in de Spaanse afzetmarkt voor incontinentieproducten. Op 26 mei 2016, naar aanleiding van het onderzoek, heeft CNMC zijn beslissing uitgevaardigd. In de beslissing worden 8 bedrijven, waaronder Ontex' Spaanse dochtervennootschappen, schuldig bevonden aan deelname aan een kartel. Naar aanleiding van haar betrokkenheid van 1999 tot 2014, ontving Ontex een boete van 5,2 miljoen €. Alle bedrijven, inclusief Ontex, tekenden beroep aan tegen de beslissing bij het Nationaal Hof, en nadat dit verworpen werd, bij het Hof van hoger beroep. Op 6 juli 2023 werd het

beroep van Ontex geweigerd, waardoor de beslissing van het CNMC bindend werd gemaakt en de administratieve boete finaal. Naar aanleiding van dit geschil werd er een voorziening ten belope van 5,2 miljoen € aangelegd per 31 december 2016. Ontex heeft een formeel verzoek tot betaling van de administratieve boete, die overeenkomt met het voorziene bedrag, ontvangen in februari 2025. Dit bedrag werd betaald op 12 maart 2025.
De Groep is momenteel van mening dat de bepalingen van de overige geschillen en claims, individueel of samen, geen belangrijke negatieve impact zou hebben op de geconsolideerde financiële situatie, resultaten van de activiteiten of liquiditeit.
Na de aankondiging van de heroriëntatiestrategie eind 2021, die begin 2022 bevestigd werd, kondigde de Groep aan dat het desinvesteringsopportuniteiten zal nastreven voor de activiteiten in de "Emerging Markets".
De "Emerging Markets" werden voornamelijk gedreven door eigen merken en omvatten in hoofdzaak de Centraal- en Zuid- Amerikaanse activiteiten, alsook die in het Midden-Oosten en Afrika.
Deze activiteiten werden geclassificeerd als een groep activa die wordt afgestoten, aangehouden voor verkoop, en afzonderlijk gepresenteerd in de balans. Als gevolg hiervan worden de stopgezette activiteiten voorgesteld als één rubriek in de verkorte tussentijdse jaarrekening, zoals hieronder gedetailleerd. De balansposities van de stopgezette activiteiten worden opgenomen aan de laagste waarde van de boekwaarde en de reële waarde min verkoopkosten, zoals voorgeschreven door IFRS 5.
De bijbehorende activa en passiva worden bijgevolg vanaf 1 januari 2022 gepresenteerd als aangehouden voor verkoop. De daarmee verband houdende financiële resultaten worden gerapporteerd als beëindigde bedrijfsactiviteiten in de resultatenrekening. Op 2 mei 2023 heeft de Groep de verkoop van de Mexicaanse activiteiten voltooid en in het eerste halfjaar van 2024 werden de Algerijnse en Pakistaanse activiteiten verkocht. In de eerste jaarhelft van 2025 werd de verkoop van Braziliaanse activiteiten voltooid waardoor de resterende activa en passiva de Turkse activiteiten omvat, waarvoor de definitieve verkoop verwacht wordt in de tweede jaarhelft van 2025 na het tekenen van de bindende overeenkomst met Dilek Grup in februari 2025.
In het resultaat van de periode uit beëindigde activiteiten voor de eerste jaarhelft van 2025 zijn er EBITDA aanpassingen opgenomen voor een bedrag van 115,9 miljoen € (verlies), dat bijna volledig toe te wijzen is aan de verkoop van de Braziliaanse activiteiten en bevat de herclassificatie van de gecumuleerde wisselkoersverschillen van de overige elementen van het totaalresultaat naar de resultatenrekening voor 142,1 miljoen €.
De totale vergoeding voor de verkoop van beide activiteiten bedraagt 116,4 miljoen €, terwijl een bedrag van 17,5 miljoen € aan geldmiddelen en kasequivalenten werd afgestoten, resulterend in een netto cash impact van 99,0 miljoen €. Naast de geldmiddelen en kasequivalenten, bestond het afgestoten netto actief voornamelijk uit vast actief (87,7 miljoen €) en leasingverplichtingen (12,5 miljoen €). Het werkkapitaal bij afsluit was zeer beperkt. Het verlies op de transactie, dat ook transactiekosten bevat, is nog onderhevig aan aanpassingen/onderhandelingen na verkoop.
In het resultaat van de periode uit beëindigde activiteiten voor de eerste jaarhelft van 2024 zijn er EBITDA aanpassingen opgenomen voor een bedrag van 26,8 miljoen € dat volledig gerelateerd is aan wijzigingen in de groepsstructuur. Het verlies van 26,8 miljoen € is voornamelijk gelinkt aan de verkoop van zowel de Algerijnse (13,7 miljoen €) als de Pakistaanse (12,5 miljoen €) activiteiten (samen 26,3 miljoen €) en de daaropvolgende herclassificatie van de gecumuleerde wisselkoersverschillen van de overige elementen van het totaalresultaat naar de resultatenrekening, wat een impact had van 19,7 miljoen €.

Voor de Turkse activiteiten zal de opbrengst van de verkoop naar verwachting hoger zijn dan de boekwaarde van de gerelateerde netto activa en daarom zijn er geen additionele bijzondere waardeverminderingsverliezen opgenomen bij de classificatie van deze activiteiten als aangehouden voor verkoop. De belangrijkste categorieën activa en passiva die deel uitmaken van de bedrijfsactiviteiten die zijn geclassificeerd als aangehouden voor verkoop zijn als volgt:
| in miljoen € | 30 juni 2025 | 31 december 2024 |
|---|---|---|
| Vaste activa | ||
| Immateriële activa | 0,0 | 7,6 |
| Materiële vaste activa | 18,2 | 81,1 |
| Recht-op-gebruik activa | 5,9 | 20,8 |
| Langlopende vorderingen | (0,0) | 0,2 |
| 24,2 | 109,8 | |
| Vlottende activa | ||
| Voorraden | 11,2 | 34,0 |
| Handelsvorderingen | 19,5 | 41,2 |
| Vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen | 1,5 | 4,8 |
| Actuele belastingvorderingen | 0,6 | 1,8 |
| Afgeleide financiële activa | - | 0,4 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 49,0 | 67,3 |
| 82,0 | 149,5 | |
| Activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop | 106,2 | 259,3 |
| in miljoen € | June 30, 2025 | 31 december 2024 |
| Langlopende verplichtingen | ||
| Voorzieningen m.b.t. personeelsbeloningen | 3,4 | 4,3 |
| Rentedragende leningen | 0,4 | 10,9 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | 4,0 | 11,6 |
| 7,8 | 26,8 | |
| Kortlopende verplichtingen | ||
| Rentedragende leningen | 0,8 | 5,2 |
| Handelsschulden | 19,7 | 58,2 |
| Toegerekende kosten en overige schulden | 1,4 | 7,2 |
| Verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen | 1,4 | 5,6 |
| Actuele belastingverplichtingen | 4,6 | - |
| Voorzieningen | 0,8 | 1,5 |
| 28,7 | 77,8 |
De gecumuleerde wisselkoersverliezen van de beëindigde bedrijfsactiviteit worden opgenomen in de overige elementen van het totaalresultaat en bedroegen 72,5 miljoen € per 30 juni 2025.

De resultaten van de beëindigde bedrijfsactiviteiten, die zijn opgenomen in de geconsolideerde resultatenrekening, zijn als volgt:
| Eerste Halfjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Omzet | 81,9 | 165,9 |
| Operationele kosten (excl. afschrijvingen) | (75,5) | (145,9) |
| Aangepaste EBITDA | 6,5 | 20,0 |
| Resultaat op desinvestering van dochteronderneming | (115,9) | (26,8) |
| EBITDA | (109,4) | (6,8) |
| Afschrijvingen | (0,0) | (0,0) |
| Financieel resultaat | 0,3 | (3,7) |
| Winst/(verlies) vóór winstbelastingen | (109,1) | (10,5) |
| Winstbelastingen | (2,0) | (5,0) |
| Winst/(verlies) voor de periode uit beëindigde activiteiten* | (111,1) | (15,5) |
* Hyperinflatie impact in 2025 van -8,4 miljoen € (2024: -5,2 miljoen €)
| Eerste Halfjaar | |||
|---|---|---|---|
| Winst per aandeel (€) | 2025 | 2024 | |
| Voor beëindigde activiteiten | |||
| Gewone winst per aandeel | (1,38) | (0,19) | |
| Verwaterde winst per aandeel | (1,38) | (0,19) |
Het kasstroomoverzicht voor de periode van zes maanden eindigend op 30 juni 2025 en 2024:
| Eerste Halfjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Nettokasstroom uit / (gebruikt voor) operationele activiteiten | 4,9 | 5,9 |
| Nettokasstroom uit / (gebruikt voor) investeringsactiviteiten | (18,8) | 11,1 |
| Nettokasstroom uit / (gebruikt voor) financieringsactiviteiten | 1,4 | (11,3) |
| NETTO TOENAME / (AFNAME) GELDMIDDELEN EN KASEQUIVALENTEN |
(12,5) | 5,8 |
| Cumulatieve wisselkoersverschillen op mutaties in geldmiddelen | (5,8) | (3,2) |
In het eerste halfjaar van 2022 kreeg de Turkse economie opnieuw te maken met een hoge inflatie, waardoor de gecumuleerde inflatie van Turkije over drie jaar meer dan 100% bedroeg. Daardoor werd het noodzakelijk om over te schakelen op de boekhoudkundige verwerking van hyperinflatie, zoals voorgeschreven door IAS 29 - Financiële verslaggeving in economieën met hyperinflatie, vanaf 1 januari 2022. Het voornaamste beginsel van IAS 29 is dat de jaarrekening van een entiteit die rapporteert in de valuta van een economie met hyperinflatie, moet worden opgesteld in termen van de meeteenheid die geldt aan het einde van de verslagperiode. Daarom worden de tegen historische kostprijs gewaardeerde niet-monetaire activa en verplichtingen, het eigen vermogen en de resultatenrekeningen van dochterondernemingen die actief zijn in een economie met hyperinflatie, aangepast voor wijzigingen in de algemene koopkracht van de lokale valuta door toepassing van een algemene prijsindex. Monetaire posten die aan het einde van de verslagperiode reeds tegen de meeteenheid zijn gewaardeerd, worden niet herberekend. Deze herberekende posities worden gebruikt voor de omrekening in euro tegen de wisselkoers aan het einde van de periode.

Bijgevolg heeft de Groep in deze geconsolideerde jaarrekening hyperinflatieboekhouding toegepast voor haar Turkse dochteronderneming, waarbij de IAS 29-regels als volgt worden toegepast:
Hyperinflatieboekhouding werd toegepast vanaf 1 januari 2022 en sindsdien consistent toegepast;
Niet-monetaire activa en passiva gewaardeerd tegen historische kostprijs (bv. materiële vaste activa, immateriële activa, goodwill, enz.) en het eigen vermogen van Turkije werden aangepast aan de hand van de officiële consumptie index (CPI) die door het Turkse bureau voor statistiek TUIK is gepubliceerd. De hyperinflatie-effecten als gevolg van wijzigingen in de algemene koopkracht tot 31 december 2021 werden gerapporteerd in de cumulatieve omrekeningsverschillen. De effecten van wijzigingen in de algemene koopkracht vanaf 1 januari 2022 worden gerapporteerd via de resultatenrekening in de netto financiële kosten, op een toegewezen rekening voor monetaire aanpassingen in de rapporteringslijn 'financieel resultaat'. Deze impact in het financieel resultaat, in combinatie met de toepassing van de CPI op de resultatenrekening, bedroeg -7,8 miljoen € in 2025 (Eerste halfjaar 2024: -5,5 miljoen €). De CPI index op 30 juni 2025 bedroeg 3.132,17, wat een stijging van 16,7% ten opzichte van 31 december 2024 betekent; en
Naast de aanpassingen van de resultatenrekening aan de hand van de wijziging van de CPI wordt aan het einde van elke verslagperiode de resultatenrekening ook omgerekend tegen de slotkoers van elke periode (in plaats van de gemiddelde koers voor niet-hyperinflatoire economieën) waarvan de impact wordt geneutraliseerd in het financieel resultaat. De impact op het financieel resultaat in 2025 bedroeg 1,3 miljoen € (Eerste halfjaar 2024: 0,6 miljoen €).
De impact van hyperinflatie op de voor verkoop aangehouden netto activa ter waarde van 69,7 miljoen €, bedraagt 15,0 miljoen € (31 december 2024: 15,3 miljoen €).
| Eerste Halfjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Herstructurering | (2,5) | (38,5) |
| Opbrengsten en kosten gerelateerd aan wijzigingen in groepsstructuur | (2,5) | (38,5) |
| Bijzondere waardeverminderingen op activa | (2,4) | (3,8) |
| Geschillen en juridische claims | (0,4) | - |
| Opbrengsten en kosten gerelateerd aan bijzondere waardeverminderingen en significante geschillen |
(2,8) | (3,8) |
| Totaal EBITDA aanpassingen | (5,3) | (42,2) |
Kosten die opgenomen worden onder de rubriek EBITDA aanpassingen zijn die kosten die door het management niet beschouwd worden als verbonden aan de gewone bedrijfsactiviteiten van de Onderneming. De Groep heeft deze classificatie overgenomen voor een beter begrip van de recurrente financiële prestaties van de Groep.
Deze EBITDA aanpassingen worden als volgt gepresenteerd in de geconsolideerde resultatenrekening:
Opbrengsten/(kosten) met betrekking tot wijzigingen in de groepsstructuur; en
Opbrengsten/(kosten) gerelateerd aan bijzondere waardeverminderingen en significante geschillen
Op 13 juni 2024 kondigde Ontex de intentie aan om zijn Belgische productie- en distributieactiviteiten te herstructureren. De voorgenomen herstructurering zou de sluiting omvatten van de site in Eeklo en de omvorming van de site in Buggenhout tot een expertisecentrum voor onderzoek, ontwikkeling en productie van producten voor medium en zware incontinentiezorg. De voorgenomen herstructurering zou leiden tot de vermindering van 489 medewerkers in Eeklo en Buggenhout. Per 30 juni 2024 heeft Ontex een provisie van 37,3 miljoen € aangelegd met betrekking tot de intentie tot herstructurering wat de ontslagkost van 489 werknemers weerspiegelt, rekening houdend met de Belgische wettelijke vereisten.

Gedurende 2025 liep de Groep een aantal kleinere additionele kosten op in het kader van het lopende herstructureringsproject.
Als gevolg van de aangekondigde intentie om haar productie- en distributieactiviteiten in België te herstructureren werden een aantal productielijnen niet langer gebruikt en werd hiervoor bijgevolg een bijzondere waardevermindering van 3,8 miljoen € opgenomen in 2024.
In 2025 werden een aantal productielijnen, die vroeger in België gebruikt werden, getransfereerd naar andere sites waar ze een aantal oudere productielijnen vervingen, waarvoor bijgevolg een bijzondere waardevermindering werd opgenomen.
De verschillende componenten van de netto financiële kosten zijn de volgende:
| Eerste Halfjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Interesten op vlottende activa | 2,9 | 1,8 |
| Financiële opbrengsten | 2,9 | 1,8 |
| Interesten op rentedragende groepsleningen | (15,3) | (13,8) |
| Afschrijvingen van financieringskosten | (3,2) | (1,4) |
| Interesten op andere leningen en andere verplichtingen | (5,5) | (7,8) |
| Interestkosten | (24,0) | (22,9) |
| Bankkosten | (0,8) | (0,8) |
| Vergoeding voor factoring | (1,5) | (1,0) |
| Verliezen op afgeleide instrumenten en kosten voor hedging | (1,3) | (0,5) |
| Financiële kosten | (27,5) | (25,3) |
| Financiële opbrengsten volgens de resultatenrekening | 2,9 | 1,8 |
| Financiële kosten volgens de resultatenrekening | (27,5) | (25,3) |
| Nettowisselkoersverschillen op financieringsactiviteiten | (18,6) | (3,1) |
| Netto financiële kosten volgens de resultatenrekening | (43,3) | (26,5) |
De interesten op rentedragende groepsleningen zijn voornamelijk gelinkt aan de interesten op de High Yield bond van 580,0 miljoen €, met een vaste rentevoet van 3,50%, waarvan 283,1 miljoen € reeds werd terugbetaald begin april en het resterende bedrag terugbetaald werd eind juni. Vanaf april 2025 bevatten de interesten ook de interesten op de nieuwe High Yield bond van 400,0 miljoen €, met een vaste interestvoet van 5,25%. De resterende interesten op rentedragende groepsleningen betreft de interesten op de wentelkredietfaciliteit. Bij het afsluiten van 30 juni 2025 werd 185,0 miljoen € opgenomen (30 juni 2024: 32,0 miljoen €).
De afschrijvingen van financieringskosten is gestegen door de vervroegde terugbetaling van de High Yield bond van 580,0 miljoen €, wat leidde tot een versnelde afschrijving van de gekapitaliseerde financieringskosten.
De netto financiële kosten werden beïnvloed door netto wisselkoersverschillen voor -18,6 miljoen €, voornamelijk verklaard door niet-gerealiseerde wisselkoersverschillen als gevolg van de evolutie in de USD/EUR wisselkoers.

Overeenkomstig IAS 33 wordt de gewone winst per aandeel berekend door het nettoresultaat van de periode, toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen van de moedermaatschappij, te delen door het gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen tijdens de periode. Het aantal aandelen dat werd gebruikt voor 2024 was 81.148.812, wat overeenstemt met gewogen gemiddeld aantal aandelen voor het eerste halfjaar 2024. Het aantal aandelen dat werd gebruikt voor het eerste halfjaar 2025 was 80.335.291, wat overeenstemt met gewogen gemiddeld aantal aandelen voor 2025.
De verwaterde winst per aandeel dient berekend te worden door het nettoresultaat van de periode, toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen van de moedermaatschappij (na aanpassing van de effecten van alle potentiële verwaterde gewone aandelen), te delen door het gewogen gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen tijdens de periode, vermeerderd met het gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen dat zou worden uitgegeven bij een omzetting van alle mogelijke gewone aandelen die tot verwatering kunnen leiden in gewone aandelen.
In het geval van Ontex Group NV is er geen effect van verwatering op het nettoresultaat toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen. Onderstaande tabel geeft de gegevens weer op het vlak van resultaat en aantal aandelen die gebruikt worden voor de berekening van de gewone en verwaterde winst per aandeel:
| Eerste Halfjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Gewone winst | ||
| Winst/(verlies) uit voortgezette activiteiten toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen van de Vennootschap |
(3,7) | 9,6 |
| Winst/(verlies) toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen van de Vennootschap |
(114,8) | (5,8) |
| Aanpassing verwatering | - | - |
| Winst/(verlies) uit voortgezette activiteiten toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen van de Vennootschap, na verwateringseffect |
(3,7) | 9,6 |
| Winst/(verlies) toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen van de Vennootschap, na verwateringseffect |
(114,8) | (5,8) |
| Eerste Halfjaar | ||
|---|---|---|
| Aantal aandelen | 2025 | 2024 |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen tijdens de periode | 80.335.291 | 81.148.812 |
| Verwatering | 3.886.762 | 3.797.083 |
| Eerste Halfjaar | ||
|---|---|---|
| Winst per aandeel (€) | 2025 | 2024 |
| Voor voortgezette activiteiten | ||
| Gewone winst per aandeel | (0,05) | 0,12 |
| Verwaterde winst per aandeel | (0,05) | 0,11 |
| Voor voortgezette en beëindigde activiteiten | ||
| Gewone winst per aandeel | (1,43) | (0,07) |
| Verwaterde winst per aandeel | (1,43) | (0,07) |
Een gewogen gemiddeld aantal van 841.394 verwaterde instrumenten (i.e. LTIP instrumenten) werden niet opgenomen in de noemer van de verwaterde winst per aandeel aangezien zij 'out-of-the-money' waren op het einde van 30 juni 2025 (2024: 1.552.413 verwaterde instrumenten). Voor meer informatie verwijzen we naar toelichting 6.14.

De Groep heeft lange termijn beloningsplannen ("LTIP") geïmplementeerd die gebaseerd zijn op een combinatie van aandelenopties (verder "Opties" genoemd), voorwaardelijk toegekende aandelen-eenheden (verder "RSU's – Restricted Stock Units" genoemd) en prestatiegerichte aandelen-eenheden (verder "PSU's - performance stock units" genoemd), samen de Instrumenten. De Opties, RSU's en PSU's worden gewaardeerd als op aandelen gebaseerde betalingen die in eigen vermogensinstrumenten worden afgewikkeld. De instrumenten kunnen enkel onvoorwaardelijk eigendom worden drie jaar na de toekenning en opties die het recht geven om aandelen te ontvangen van de Groep (verder genoemd de "Aandelen") of enig ander recht om aandelen te ontvangen kunnen pas uitgeoefend worden drie jaar na de toekenning. Voor de PSU's dienen eveneens markt- en niet-marktgerelateerde voorwaarden voldaan te worden om onvoorwaardelijk toegekend te worden. De toekenning van de plannen zal onvoorwaardelijk toegekend worden op voorwaarde dat de deelnemer in dienst blijft. De aandelenprijs wordt beschouwd als de relevante performantie-indicator en het onvoorwaardelijk toekennen van de plannen zal niet onderhevig zijn aan bijkomende specifieke performantieindicatoren. De statuten kunnen de Groep toelaten om van deze regel af te wijken in overeenstemming met het Belgisch Wetboek van Vennootschappen.
De uitoefenprijs van de Opties zal gelijk zijn aan de laatste slotkoers van het aandeel die onmiddellijk voorafgaat aan de datum van het toekennen van de optie. Voor de opties zal de uitoefenperiode starten op de datum waarop ze onvoorwaardelijk zijn geworden ("vesting date"). De onderliggende aandelen van de RSU's en PSU's worden toegekend zonder vergoeding zo snel als mogelijk na de datum van onvoorwaardelijk worden ("vesting date") van de RSU's en PSU's. Wanneer de RSU's en PSU's onvoorwaardelijk zijn geworden, worden de onderliggende aandelen van deze instrumenten getransfereerd naar de deelnemers. Op het moment van het onvoorwaardelijk worden, mogen de opties uitgeoefend worden tot hun vervaldatum (8 jaar na de datum van toekenning).
Tijdens de periode werd een nieuw LTI plan toegekend bestaande uit 139.512 PSU's. De instrumenten zijn uitoefenbaar op het moment dat ze onvoorwaardelijk worden. Dit nieuw LTI plan heeft volgende kenmerken:
| Vervaldatum | Gewogen Gemiddelde Reële waarde (€) |
Uitoefenprijs per optie (€) |
Aantal instrumenten |
|
|---|---|---|---|---|
| LTIP 2025 | ||||
| PSU's | 2028 | 8,48 | n.v.t. | 139.512 |
De reële waarde van het nieuwe LTI plan is bepaald aan de hand van een stochastisch waarderingsmodel op basis van de Monte Carlo methodologie, rekening houdend met het gegeven dat de PSU's ook een marktvoorwaarde bevatten. De verwachte volatiliteit die in het model wordt gebruikt, is gebaseerd op de historische volatiliteit van de Groep.
Hieronder een overzicht van alle parameters die in dit model worden gebruikt:
| LTIP 2025 | |
|---|---|
| Uitoefenprijs (€) | - |
| Verwachte volatiliteit van de aandelen (%) | 30,37% |
| Verwacht rendement van de aandelen (%) | 0,00% |
| Risicovrije rentevoet (%) | 1,98% |
De sociale lasten met betrekking tot het LTI plan worden voorzien over de looptijd.

Onderstaande tabel geeft een overzicht van alle financiële instrumenten per categorie in overeenstemming met IFRS 9, van de reële waarde van elk instrument evenals de hiërarchie van de reële waarde:
| 30 juni 2025 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Tegen | ||||||
| Aangewezen in een | geamortiseerde | Niveau reële | ||||
| in miljoen € | afdekkingsrelatie | kostprijs | Reële waarde | waarde | ||
| Langlopende vorderingen | 8,4 | 8,4 | Niveau 3 | |||
| Handelsvorderingen | 194,0 | 194,0 | Niveau 2 | |||
| Overige vorderingen | 81,7 | 81,7 | Niveau 2 | |||
| Afgeleide financiële activa | 3,1 | 3,1 | ||||
| Vreemde valutatermijncontracten | 3,1 | 3,1 | Niveau 2 | |||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 96,7 | 96,7 | Niveau 2 | |||
| Activa geclassificeerd als aangehouden | 106,2 | 106,2 | Niveau 3 | |||
| voor verkoop | ||||||
| Totaal Financiële activa | 3,1 | 487,0 | 490,1 | |||
| Rentedragende leningen - langlopend | 488,6 | 503,6 | ||||
| Niet-achtergestelde obligaties | 394,2 | 409,2 | Niveau 1 | |||
| Lease & overige verplichtingen | 94,4 | 94,4 | Niveau 2 | |||
| Afgeleide financiële verplichtingen | 5,8 | 5,8 | ||||
| Vreemde valutatermijncontracten | 5,8 | 5,8 | Niveau 2 | |||
| Overige schulden - langlopend | 1,5 | 1,5 | Niveau 2 | |||
| Rentedragende leningen - kortlopend | 208,2 | 208,2 | ||||
| Wentelkrediet | 183,0 | 183,0 | Niveau 2 | |||
| Toerekenbare interesten - overige | 5,1 | 5,1 | Niveau 2 | |||
| Lease & overige verplichtingen | 20,1 | 20,1 | Niveau 2 | |||
| Handelsschulden | 423,7 | 423,7 | Niveau 2 | |||
| Overige schulden - kortlopend | 24,9 | 24,9 | Niveau 2 | |||
| Verplichtingen verbonden aan activa geclassificeerd als aangehouden voor verkoop |
36,5 | 36,5 | Niveau 3 | |||
| Totaal Financiële verplichtingen | 5,8 | 1.183,3 | 1.204,1 |

| 31 december 2024 | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Tegen | |||||
| Aangewezen in een | geamortiseerde | Niveau reële | |||
| in miljoen € | afdekkingsrelatie | kostprijs | Reële waarde | waarde | |
| Langlopende vorderingen | 11,1 | 11,1 | Level 3 | ||
| Handelsvorderingen | 204,1 | 204,1 | Level 2 | ||
| Overige vorderingen | 67,2 | 67,2 | Level 2 | ||
| Afgeleide financiële activa | 6,3 | 6,3 | |||
| Vreemde valutatermijncontracten | 6,3 | 6,3 | Level 2 | ||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 56,9 | 56,9 | Level 2 | ||
| Activa geclassificeerd als | |||||
| aangehouden voor verkoop | 259,3 | 259,3 | Level 3 | ||
| Totaal Financiële activa | 6,3 | 598,7 | 605,0 | ||
| Rentedragende leningen - | 667,1 | 668,2 | |||
| langlopend | |||||
| Niet-achtergestelde obligaties | 577,2 | 578,3 | Level 1 | ||
| Lease & overige verplichtingen | 89,9 | 89,9 | Level 2 | ||
| Afgeleide financiële verplichtingen | 2,0 | 2,0 | |||
| Vreemde valutatermijncontracten | 2,0 | 2,0 | Level 2 | ||
| Overige schulden - langlopend | 2,0 | 2,0 | Level 2 | ||
| Rentedragende leningen - | |||||
| kortlopend | 53,1 | 53,1 | |||
| Wentelkrediet | 24,0 | 24,0 | Level 2 | ||
| Toerekenbare interesten - overige | 9,3 | 9,3 | Level 2 | ||
| Lease & overige verplichtingen | 19,8 | 19,8 | Level 2 | ||
| Handelsschulden | 440,1 | 440,1 | Level 2 | ||
| Overige schulden - kortlopend | 21,1 | 21,1 | Level 2 | ||
| Verplichtingen verbonden aan | |||||
| activa geclassificeerd als | 104,6 | 104,6 | Level 3 | ||
| aangehouden voor verkoop | |||||
| Totaal Financiële verplichtingen | 2,0 | 1.288,0 | 1.291,1 |
In het kader van het financiële risicobeheer van de Groep maakt de Groep gebruik van afgeleide financiële instrumenten om specifieke risico's in te dekken, zoals blootstelling aan valutarisico, renteschommelingen en schommelingen van grondstofprijzen. De volgende tabel geeft een overzicht van de afgeleide financiële instrumenten die uitstaan op afsluitingsdatum:
| Reële waarde | Nominale bedragen | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | 30 juni 2025 | 31 december 2024 | 30 juni 2025 | 31 december 2024 | |
| Afgeleide financiële activa | 3,1 | 6,3 | 151,3 | 223,5 | |
| Vreemde valutatermijncontracten | 3,1 | 6,3 | 151,3 | 216,5 | |
| Grondstoffen afdekkingscontracten | 0,0 | 0,0 | 0,0 | 7,0 | |
| Afgeleide financiële verplichtingen | 5,8 | 2,0 | 106,3 | 149,5 | |
| Vreemde valutatermijncontracten | 5,8 | 2,0 | 106,3 | 149,5 |

De afgeleide financiële instrumenten in bovenstaande tabellen worden allen als kasstroomindekkingen aangewezen. De impact op de overige elementen van het Totaalresultaat en de Resultatenrekening van elk van deze categorieën is als volgt:
| Totaalresultaat | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | 31 december 2024 |
Bedrag erkend in 2025 |
Bedrag gedesinvesteerd (Gerecycleerd naar RR*) in 2025 |
Totale beweging 2025 |
30 juni 2025 |
| Vreemde valutatermijncontracten | 4,3 | (6,9) | 2,0 | (4,9) | (0,6) |
| Grondstoffen | (0,0) | (0,6) | 0,5 | (0,0) | (0,0) |
*Resultatenrekening
| Totaalresultaat | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | 31 December 2023 |
Bedrag erkend in 2024 |
Bedrag gedesinvesteerd (Gerecycleerd naar RR*) in 2024 |
Totale beweging 2024 |
30 juni 2024 |
|||||
| Vreemde valutatermijncontracten | (2,7) | 2,8 | (1,0) | 1,8 | (0,9) | |||||
| Grondstoffen | (0,2) | (1,0) | 1,9 | 0,9 | 0,7 |
De bovenstaande tabel stemt niet overeen met het Geconsolideerd Mutatieoverzicht van het Eigen Vermogen als gevolg van de uitgestelde belastingen op de financiële instrumenten mee opgenomen in de overige elementen van het Totaalresultaat voor een bedrag van 0,2 miljoen € voor de Totale Groep (30 juni 2024: 0,1 miljoen €).
De reële waarde van een afgeleid financieel instrument wordt geklasseerd als langlopend actief of verplichting indien de resterende looptijd van de ingedekte post langer is dan 12 maanden, en als kortlopend actief of verplichting indien de looptijd van de ingedekte post minder is dan 12 maanden.
De waardering van de reële waarde van alle derivaten die verhandeld worden, is gebaseerd op inputs van niveau 2, zoals gedefinieerd onder IFRS 7.27, d.w.z. inputs die waarneembaar zijn voor het actief of de verplichting, hetzij direct (d.w.z. als prijzen) hetzij indirect (d.w.z. afgeleid van prijzen).
De bovenstaande tabel geeft een analyse van de financiële instrumenten weer, gegroepeerd van Niveaus 1 tot 3 op basis van de mate waarin de reële waarde (opgenomen in de balans of in de toelichtingen) waarneembaar is:
Niveau 1 reële waardebepalingen zijn gebaseerd op genoteerde (niet-aangepaste) koersen op actieve markten voor identieke activa of schulden.
Niveau 2 reële waardebepalingen zijn gebaseerd op andere inputs dan genoteerde koersen opgenomen onder Niveau 1 die waarneembaar zijn voor activa of schulden, hetzij direct (bijvoorbeeld zoals marktprijzen), hetzij indirect (bijvoorbeeld afgeleid van marktprijzen).
Niveau 3 reële waardebepalingen zijn gebaseerd op waarderingstechnieken waarbij het laagste niveau van informatie dat invloed heeft op de waardering tegen reële waarde niet is waar te nemen (niet-waarneembare inputs).
De reële waarde van financiële activa en financiële verplichtingen is gebaseerd op wiskundige modellen die de waarneembare marktgegevens gebruiken en wordt als volgt bepaald:
De reële waarde van financiële activa en financiële verplichtingen met standaard voorwaarden en die verhandeld worden op actieve, liquide markten, wordt bepaald aan de hand van genoteerde marktprijzen (inclusief genoteerde aflosbare obligaties).
De reële waarde van de afgeleide financiële instrumenten wordt berekend op basis van genoteerde prijzen. Indien deze prijzen niet beschikbaar zijn, wordt een gedisconteerde kasstroomanalyse uitgevoerd met behulp van de toepasselijke rendementscurve voor de looptijd van de instrumenten voor niet-optionele derivaten en optiewaarderingsmodellen voor optionele derivaten. Valutatermijncontracten worden gewaardeerd op basis van genoteerde termijnwisselkoersen en rendementscurven afgeleid van genoteerde rentevoeten met gelijkwaardige looptijden als de contracten. Renteswaps worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de geschatte en gedisconteerde toekomstige kasstromen op basis van de van toepassing zijnde rendementscurven afgeleid van genoteerde rentevoeten.

De reële waarden van andere financiële activa en financiële verplichtingen (met uitzondering van diegene hierboven beschreven) worden bepaald in overeenstemming met de algemeen aanvaarde waarderingsmodellen op basis van een gedisconteerde kasstroomanalyse.
Niveau 3 verplichtingen: het bedrag is bepaald op basis van contractuele bepalingen
De Groep heeft afgeleide financiële instrumenten waarop compenserende, afdwingbare raamovereenkomsten en gelijkaardige overeenkomsten van toepassing zijn.
Per 30 juni 2025 diende er geen compensatie gedaan te worden (noch in voorgaand jaar).
De tegenpartijen van de lopende afgeleide instrumenten beschikken over een klasse A kredietrapport.
De Groep beschikt over een langlopende, doorlopende gesyndiceerde 'non-recourse' factoringovereenkomst met BNP Paribas Fortis Factoring en KBC Commercial Finance. De overeenkomst voorziet in een kredietfaciliteit van maximaal 200,0 miljoen € en tot een bedrag van 95% van de goedgekeurde uitstaande klantenvorderingen op alle klanten die worden getransfereerd naar de factoringmaatschappij. De resterende 5% van de desbetreffende klantenvorderingen wordt betaald door de factoringmaatschappij aan de Groep op het moment dat zij de betaling van de desbetreffende klant ontvangen, waarna ook het resterende saldo niet langer wordt opgenomen in de geconsolideerde balans. De financiering per klant is beperkt tot 10% van het totaalbedrag van alle goedgekeurde openstaande klantenvorderingen die getransfereerd werden naar de factoringmaatschappij. Elke financiering binnen de kredietlimiet is non-recourse voor de Groep. In overeenstemming met IFRS 9 - Financiële instrumenten worden alle non-recourse handelsvorderingen die zijn opgenomen in deze factoringprogramma's niet opgenomen voor het gedeelte waar geen aanhoudende betrokkenheid meer is.
De langlopende, doorlopende gesyndiceerde factoringovereenkomst met BNP Paribas Fortis Factor en KBC Commercial Finance heeft een rentevoet gebaseerd op 3 maand Euribor + marge. De totale factorkosten, inclusief interesten en factoringvergoedingen, bedragen 2,5 miljoen € in het eerste halfjaar van 2025 ten opzichte van 3,7 miljoen € in het eerste halfjaar 2024, voornamelijk als gevolg van een daling van de rentevoeten.
Voor de langlopende, doorlopende gesyndiceerde factoringovereenkomst met BNP Paribas Fortis Factor en KBC Commercial Finance bedroegen de handelsvorderingen vóór factoring per 30 juni 2025 161,2 miljoen €, waarvan 114,3 miljoen € niet langer werd opgenomen, wat leidt tot een aanhoudende betrokkenheid van 46,8 miljoen €. Op 31 december 2024 bedroeg het saldo van de handelsvorderingen vóór factoring 185,3 miljoen € waarvan 127,6 miljoen € niet langer werd opgenomen, wat leidde tot een aanhoudende betrokkenheid van 57,7 miljoen €.
Naast de hierboven vermelde factoringovereenkomst op niveau van de Groep, zijn er op het niveau van de dochterondernemingen een aantal non-recourse overeenkomsten van kracht. Bilaterale factoringovereenkomsten werden aangegaan voor Serenity (de Italiaanse dochteronderneming) met Ifitalia, Banca Sistema en BFF, terwijl Ontex Rusland ook overeenkomsten heeft met AK BARS BANK PJSC en Rosbank. De totale factorkosten, inclusief interesten en factorvergoedingen, voor deze programma's bedraagt 1,2 miljoen € voor het eerste halfjaar 2025, ten opzichte van 1,4 miljoen € in het eerste halfjaar 2024, wat voornamelijk verklaard wordt door een daling van interestvoeten.
Per 30 juni 2025 werd een bedrag van 162,1 miljoen € (31 december 2024: 167,9 miljoen €) aan financiering bekomen via bovenvermelde factoringsprogramma's. Daarbovenop is er ook 4,4 miljoen € (31 december 2024: 6,4 miljoen €) aan financiering door het gebruik van supply chain financiering aangeboden door de klanten van de Groep. Dit brengt het totale factoring bedrag op 166,5 miljoen € ten opzichte van 175,8 miljoen € op 31 december 2024 toen er een beperkt bedrag aan factoring in de voor verkoop aangehouden activa was. Het risico op late betaling gerelateerd aan de factoring wordt als niet materieel beschouwd op halfjaar 2025 en eind 2024.
De Groep is betrokken bij een aantal geschillen met betrekking tot milieuzaken, contracten, productaansprakelijkheid, octrooien (of intellectuele eigendom), werkgelegenheid en andere claims en geschillen die verband houden met onze bedrijfsactiviteiten.
In oktober 2021 heeft, COFECE, de Mexicaanse mededingingsautoriteit, een onderzoek naar onze sector uitgevoerd en bevestigd dat Mabe en bepaalde personen mededingingsovertredingen hebben begaan in periode van februari 2008 tot juni 2014. COFECE bevestigde dat Grupo PI Mabe, S.A. de C.V. ("Mabe"), een voormalig filiaal van de Groep, en bepaalde personen antitrustovertredingen begingen tijdens de voornoemde periode, die dateert van vóór de overname van Mabe door de Groep. Tegen deze beslissing werd beroep aangetekend omdat de opgelegde boetes ongrondwettelijk zouden

zijn. In mei 2023 voltooide de Groep de verkoop van Mabe aan Softys S.A. Op basis van de bevestigde bevindingen van het onderzoek (die allemaal dateren van vóór de overname van Mabe door Ontex) en in het licht van de contractuele voorwaarden van de overname van Mabe, verwacht de Groep niet dat deze zaak tot een netto financiële kost zal leiden.
De staat Goias heeft in 2018 een decreet uitgevaardigd dat waarbij Falcon Distribuição Armazenamento e Transportes S/A (Falcon) wordt verplicht een bijdrage te betalen aan het Fonds voor sociale bescherming van de staat Goias (Protege) om te kunnen blijven genieten van een eerder toegekend belastingstimulans onder een 'Special Regime Agreement Term' (TARE). Aangezien deze voorwaarde niet voorzien was in de initiële TARE, spande Falcon een rechtszaak aan hiertegen. In 2023 werd een positieve uitspraak door de rechtbank van eerste aanleg gedaan, waartegen de staat Goias in beroep ging, wat werd afgewezen door de rechtbank van tweede aanleg in november 2024. De positieve uitspraak werd finaal en niet vatbaar voor beroep in april 2025.
In het kader van de bindende overeenkomst met Softys S.A. voor de verkoop van haar Braziliaanse activiteiten, heeft Ontex de Protege bijdragen voor de periode 2020 tot begin 2025 betaald voor een bedrag van 21,7 miljoen €. Aangezien de uitspraak van de rechtbank van tweede aanleg finaal en niet vatbaar voor beroep werd, zal Falcon een claim indienen tegen de staat Goias voor de terugbetaling van de eerder betaalde Protege contributies. Bij ontvangst hiervan door Falcon, zal dergelijke terugbetaling betaald worden aan Ontex.
De handelsschulden bevatten een toegerekende kost van 5,0 miljoen € gerelateerd aan de "terugbetalingsmaatregel" voor medisch materiaal die geïntroduceerd werd via Artikel 9ter van de Italiaanse wet nr. 78/2015 (de "Terugbetalingswet"). De terugbetalingsmaatregel laat de Italiaanse regionale overheden toe om een compensatie te claimen bij leveranciers van medisch materiaal die meededen aan publieke tenders gedurende de periode 2015-2018 voor een pro rata gedeelte van het totaalbedrag van overschrijding van regionale gezondheidsbudgetten. Begin 2023, ontving Serenity SpA ("Ontex Italië") claims voor 17,2 miljoen € onder dergelijke terugbetalingsmaatregel voor de periode 2015-18. Ontex Italië betwistte de claims, samen met ongeveer 1.800 andere leveranciers van medisch materiaal. In augustus 2024 bevestigde het Italiaans Grondwettelijk Hof dat de terugbetalingsmaatregel grondwettelijk is. Het Grondwettelijk hof besliste ook dat de intussen aangeboden "korting" van 52% door de Italiaanse overheid uitgebreid diende te worden naar alle leveranciers van medisch materiaal, los van het feit of ze zouden afzien van verdere procedures (wat bijgevolg ook op Ontex Italië betrekking heeft).
In mei 2025 oordeelde de regionale administratieve rechtbank (TAR) Lazio in het nadeel van de leverancier bij een aantal pilootzaken dat het had geselecteerd uit de ongeveer 1,800 zaken die geïnitieerd werden. Hoewel de gepubliceerde beslissingen geen wettelijke waarde hebben als precedent voor Ontex, en Ontex in haar eigen betwisting argumenten heeft die niet in andere zaken voorkwamen, bestaat het risico dat TAR Lazio ook het beroep van Ontex zou weigeren.
In juni 2025 heeft de Italiaanse overheid een nieuw wetsbesluit uitgevaardigd dat een optie introduceert voor alle betrokken vennootschappen om een korting van 75% te bekomen op het geclaimd bedrag indien ze afzien van alle verdere wettelijke procedures met betrekking tot de periode 2015-2018 en het resterend bedrag betalen binnen de 30 dagen na publicatie van de wet die het wetsbesluit implementeert (verwacht in het begin van augustus 2025). Als Ontex zou besluiten om gebruik te maken van deze optie, zou de claim tegen Ontex van 17,2 miljoen € gereduceerd worden tot 4,3 miljoen €. Ondertussen houdt Ontex haar provisie van 5,0 miljoen € stabiel. Voor de jaren na de periode 2015- 2018 is het niet mogelijk om de kans op gelijkaardige claims van de Italiaanse regio's in te schatten, noch het bedrag van zulke mogelijke claims, aangezien het niet geweten is of de Italiaanse regio's hun budgetten hebben overschreden voor die jaren (en indien wel, in welke mate). Bijgevolg heeft Ontex geen provisie voor die jaren.
De Groep is momenteel van oordeel dat alle claims en geschillen, individueel of gezamenlijk, geen materieel nadelig effect zullen hebben op onze geconsolideerde balans, bedrijfsresultaten of liquiditeit.
Er zijn geen belangrijke transacties met verbonden partijen tijdens het eerste halfjaar van 2025.
De verloning van de leden van de Raad van Bestuur wordt op jaarbasis bepaald en daarom zijn er geen verdere details opgenomen in deze tussentijdse rapportering.
Er waren geen belangrijke gebeurtenissen na het einde van de periode.

Alternatieve performantie-indicatoren (niet-IFRS maatstaven) worden opgenomen in de financiële communicatie van de Groep omdat het management ervan overtuigd is dat deze veel gebruikt worden door bepaalde investeerders, beursanalisten en andere belanghebbenden als bijkomende maatstaf voor het beoordelen van prestaties en liquiditeit. De alternatieve performantie-indicatoren kunnen in sommige gevallen niet vergelijkbaar zijn met gelijkaardig genoemde indicatoren van andere ondernemingen en hebben hun beperkingen als analytisch instrument. Ze mogen niet afzonderlijk beschouwd worden of ter vervanging van de analyse van onze operationele resultaten, onze performantie of onze liquiditeit onder IFRS.
De componenten die opgenomen worden onder de rubriek EBITDA aanpassingen zijn deze componenten die door het management niet beschouwd worden als verbonden aan de transacties, projecten en aanpassingen van de waarde van activa en passiva binnen het kader van de gewone bedrijfsactiviteiten van de Groep. Deze opbrengsten en kosten worden afzonderlijk gepresenteerd omdat ze belangrijk zijn voor een goed begrip door de gebruikers van de geconsolideerde jaarrekening van de "normale" prestaties van de Groep vanwege hun omvang of aard.
De EBITDA aanpassingen hebben betrekking op:
Kosten verbonden aan overnames en desinvesteringen;
Wijzigingen in de waardering van de voorwaardelijke vergoedingen in het kader van bedrijfscombinaties;
Wijzigingen in de groepsstructuur, kosten met betrekking tot herstructurering van de activiteiten, met inbegrip van kosten die betrekking hebben op de vereffening van dochterondernemingen en de sluiting, opening of verplaatsing van fabrieken;
Bijzondere waardeverminderingen op activa en significante geschillen.
EBITDA aanpassingen van de Groep voor het eerste halfjaar eindigend op 30 juni bestaan uit volgende componenten in de geconsolideerde resultatenrekening en kunnen gereconcilieerd worden in toelichting 6.11 voor de voortgezette activiteiten en in toelichting 6.10 voor de stopgezette activiteiten:
Opbrengsten/(kosten) gerelateerd aan wijzigingen in de groepsstructuur; en
Opbrengsten/(kosten) gerelateerd aan bijzondere waardeverminderingen en significante geschillen

EBITDA wordt gedefinieerd als nettoresultaat vóór aftrek van netto financiële kosten, winstbelastingen en afschrijvingen. Aangepaste EBITDA wordt gedefinieerd als EBITDA behalve EBITDA aanpassingen. De aansluiting van de EBITDA en de aangepaste EBITDA van de Groep voor de periode afgesloten op 30 juni zijn als volgt:
| Eerste Halfjaar | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | |||||
| in miljoen € | Voortgezette activiteiten |
Beëindigde activiteiten |
Totaal Groep |
Voortgezette activiteiten |
Beëindigde activiteiten |
Totaal Groep |
| Omzet | 880,3 | 81,9 | 962,2 | 916,1 | 165,9 | 1.082,0 |
| Bedrijfsresultaat | 42,8 | (109,4) | (66,7) | 31,1 | (6,8) | 24,3 |
| Afschrijvingen | 38,1 | 0,0 | 38,1 | 36,4 | 0,0 | 36,4 |
| EBITDA | 80,9 | (109,4) | (28,5) | 67,5 | (6,8) | 60,7 |
| EBITDA aanpassingen | 5,3 | 115,9 | 121,2 | 42,2 | 26,8 | 69,1 |
| Aangepaste EBITDA | 86,2 | 6,5 | 92,7 | 109,8 | 20,0 | 129,8 |
| Aangepaste EBITDA marge | 9,8% | 7,9% | 9,6% | 12,0% | 12,1% | 12,0% |
Netto financiële schuld wordt berekend door de korte termijn- en lange termijnschuld op te tellen en de geldmiddelen en kasequivalenten af te trekken. LTM aangepaste EBITDA wordt gedefinieerd als EBITDA behalve EBITDA aanpassingen voor de laatste twaalf maanden (LTM).
De netto financiële schuld/LTM aangepaste EBITDA ratio van de Groep zijn als volgt voor de periodes afgesloten op:
| 30 juni 2025 | 31 december 2024 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | Voortgezette activiteiten |
Beëindigde activiteiten |
Totaal Groep |
Voortgezette activiteiten |
Beëindigde activiteiten |
Totaal Groep |
| Langlopende rentedragende leningen | 488,6 | 0,4 | 488,9 | 667,1 | 10,9 | 678,0 |
| Kortlopende rentedragende leningen | 208,2 | 0,8 | 209,0 | 53,1 | 5,2 | 58,3 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | (96,7) | (49,0) | (145,8) | (56,9) | (67,3) | (124,2) |
| Netto Financiële Schuldpositie | 600,0 | (47,8) | 552,2 | 663,3 | (51,2) | 612,0 |
| Aangepaste EBITDA (LTM)* | 199,1 | 7,3 | 206,3 | 222,6 | 25,7 | 248,3 |
| Leverage ratio | 2,68 | 2,46 |
*LTM aangepaste EBITDA 2025 bevat de Braziliaanse activiteiten niet aangezien deze verkocht werden in het eerste halfjaar 2025, terwijl de LTM aangepaste EBITDA 2024 de Algerijnse en Pakistaanse activiteiten niet omvat aangezien deze verkocht werden in het eerste halfjaar 2024

De vrije kasstroom vóór financiering wordt gedefinieerd als de netto kasstroom gegenereerd uit bedrijfsactiviteiten (zoals weergegeven in het geconsolideerde kasstroomoverzicht, d.w.z. inclusief betaalde winstbelastingen) verminderd met investeringsuitgaven (gedefinieerd als aankopen van materiële vaste activa en immateriële activa), verminderd met de aflossing van leaseverplichtingen en met inbegrip van geldmiddelen (gebruikt in)/uit vervreemding, minus de financieringskasstromen, d.w.z. betaalde en ontvangen interesten, herfinancieringskosten en andere financieringskosten, gerealiseerde wisselkoersverliezen (verliezen)/winsten op financieringsactiviteiten en afgeleide financiële activa.
De vrije kasstroom van de Groep voor de periode afgesloten op 30 juni is als volgt:
| Eerste Halfjaar | ||
|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 |
| Bedrijfsresultaat | 42,8 | 31,1 |
| Afschrijvingen | 38,1 | 36,4 |
| EBITDA | 80,9 | 67,5 |
| EBITDA uit beëindigde activiteiten | (109,4) | (6,8) |
| Niet-monetaire elementen en elementen verbonden aan investerings- en financieringsactiviteiten |
97,6 | 66,3 |
| Wijzigingen in werkkapitaal | ||
| Voorraden | 11,6 | (34,3) |
| Handelsvorderingen, vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen | (9,6) | (29,2) |
| Handelsschulden, toegerekende kosten en overige schulden | (11,8) | 51,1 |
| Kortlopende verplichtingen m.b.t. personeelsbeloningen | (6,8) | 0,6 |
| Nettokasstroom uit bedrijfsactiviteiten | 52,5 | 115,2 |
| Betaalde winstbelastingen | (10,1) | (5,1) |
| Nettokasstroom uit operationele activiteiten | 42,4 | 110,1 |
| Investeringsuitgaven | (44,5) | (37,9) |
| Opbrengsten uit de verkoop van materiële vaste en immateriële activa | (0,0) | 0,1 |
| Terugbetaling van leaseverplichtingen | (12,5) | (12,4) |
| Vrije kasstroom voor financiering | (14,7) | 59,8 |
| Betaalde & ontvangen interesten | (21,8) | (17,4) |
| Overige financiële kasstromen | (3,8) | 0,8 |
| Vrije kasstroom | (40,3) | 43,2 |

Aangepaste gewone winst wordt gedefinieerd als winst voor de periode behalve EBITDA aanpassingen en belastingseffect op EBITDA aanpassingen, toewijsbaar aan de aandeelhouders van de Groep. Aangepaste gewone winst per aandeel is aangepaste gewone winst gedeeld door het gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen. De aangepaste gewone winst per aandeel voor de periode eindigend op 30 juni worden weergegeven in toelichting 6.13.
| Eerste Halfjaar | |||
|---|---|---|---|
| in miljoen € | 2025 | 2024 | |
| Aangepaste gewone winst | |||
| Winst voor de periode toewijsbaar aan de houders van gewone aandelen | (3,7) | 9,6 | |
| EBITDA aanpassingen | 5,3 | 42,2 | |
| Belastingscorrectie | (1,3) | (10,5) | |
| Aangepaste gewone winst | 0,3 | 41,4 | |
| Aanpassing verwatering | - | - | |
| Aangepaste gewone winst, na verwatering | 0,3 | 41,4 |
| Eerste Halfjaar | |||
|---|---|---|---|
| Aantal aandelen | 2025 | 2024 | |
| Gewogen gemiddeld aantal gewone aandelen tijdens de periode | 80.335.291 | 81.148.812 | |
| Verwatering | 3.886.762 | 3.797.083 |
| Eerste Halfjaar | ||
|---|---|---|
| Winst per aandeel (€) | 2025 | 2024 |
| Aangepaste gewone winst per aandeel | 0,00 | 0,51 |
| Aangepaste verwaterde winst per aandeel | 0,00 | 0,49 |
De componenten van het werkkapitaal zijn de voorraden plus de handelsvorderingen, vooruitbetaalde kosten en overige vorderingen plus handelsschulden, toegerekende kosten en overige schulden.
| 30 juni 2025 | 31 december 2024 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| in miljoen € | Voortgezette activiteiten |
Beëindigde activiteiten |
Totaal Groep |
Voortgezette activiteiten |
Beëindigde activiteiten |
Totaal Groep |
| Voorraden | 282,1 | 11,2 | 293,3 | 292,9 | 34,0 | 326,9 |
| Handelsvorderingen | 194,0 | 19,5 | 213,6 | 204,1 | 41,2 | 245,3 |
| Vooruitbetaalde kosten & overige vorderingen |
81,7 | 1,5 | 83,2 | 67,2 | 4,8 | 72,0 |
| Handelsschulden | 423,7 | 19,7 | 443,4 | 440,1 | 58,2 | 498,3 |
| Toegerekende kosten & overige schulden | 22,4 | 1,4 | 23,7 | 21,1 | 7,2 | 28,3 |
| Totaal Netto Werkkapitaal | 111,8 | 11,2 | 123,0 | 103,0 | 14,5 | 117,5 |

Omzet op vergelijkbare basis of LFL (Like-for-Like) wordt gedefinieerd als de omzet aan constante wisselkoers exclusief wijzigingen in de consolidatiekring of exclusief fusies en acquisities en hyperinflatie impact.
| in € million | 2024 | Vol/mix | Prijs | 2025 LFL | FX | 2025 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Voortgezette activiteiten | 916,1 | (27,5) | (9,1) | 879,5 | 0,8 | 880,3 |
Aangepaste EBITDA marge is aangepaste EBITDA gedeeld door de omzet.

Dit rapport kan "toekomstgerichte verklaringen" bevatten. Toekomstgerichte verklaringen zijn verklaringen betreffende of gebaseerd op de huidige voornemens, meningen of verwachtingen van het management betreffende, onder meer, Ontex' toekomstige bedrijfsresultaten, financiële conditie, liquiditeit, prospecten, groei, strategieën of ontwikkelingen in de sector waarin we operationeel zijn. Per definitie houden toekomstgerichte verklaringen risico's, onzekerheden en veronderstellingen in waardoor de reële resultaten van toekomstige gebeurtenissen in belangrijke mate kunnen afwijken van de verklaarde of geïmpliceerde resultaten. Deze risico's, onzekerheden en veronderstellingen kunnen het resultaat en de financiële effecten van deze plannen en gebeurtenissen hierin beschreven negatief beïnvloeden. Toekomstgerichte verklaringen, die in dit rapport worden vermeld met betrekking tot trends of huidige activiteiten, zijn geen waarborg dat deze trend en activiteiten in de toekomst zullen aanhouden. Wij gaan geen enkele verbintenis aan om de toekomstgerichte verklaringen te actualiseren, noch als gevolg van nieuwe informatie, toekomstige gebeurtenissen of andere. Men mag geen onterecht vertrouwen schenken aan toekomstgerichte verklaringen, die enkel geldig zijn op de datum van dit rapport.
De informatie in dit rapport kan wijzigen zonder voorafgaandelijke melding. Geen waarborg, noch uitgedrukt of verondersteld, wordt gemaakt met betrekking tot de redelijkheid, de nauwkeurigheid of de volledigheid van de informatie opgenomen in dit rapport en er moet hier geen vertrouwen aan gehecht worden. De meeste tabellen in dit rapport geven de bedragen in miljoen € weer om transparant te zijn. Dit kan aanleiding geven tot afrondingsverschillen in de tabellen opgenomen in dit rapport.
Het bovenstaande persbericht en gerelateerde financiële informatie van Ontex Group NV voor de zes maanden eindigend op 30 juni 2025 werd goedgekeurd voor publicatie overeenkomstig het besluit van de raad van bestuur van 30 juli 2025.
Het management zal een audiowebcast organiseren voor investeerders en analisten op 31 juli 2025 om 12:00 CEST. Om deel te nemen, klik op https://ontexgroup.engagestream.companywebcast.com/25q2\_results\_call. Aangezien het bedrijf al een presentatie gaf volgend op de publicatie van de voorlopige resultaten op 16 juli 2025, zal deze webcast beperkt worden tot een vraag- en antwoordsessie. Een herhaling van de webcast zal nadien beschikbaar worden gesteld.
| > | 30 oktober 2025 | Resultatenpublicatie van het 3de kwartaal van 2025 |
|---|---|---|
| > | 12 februari 2026 | Resultatenpublicatie van het 4de kwartaal en volledige jaar 2025 |
| > | 29 april 2026 | Resultatenpublicatie van het 1ste kwartaal van 2026 |
| > | 5 mei 2026 | Jaarlijkse algemene vergadering van aandeelhouders van 2026 |
| > | 30 juli 2026 | Resultatenpublicatie van het 2de kwartaal en 1ste jaarhelft van 2026 |
| > | 28 oktober 2026 | Resultatenpublicatie van het 3de kwartaal van 2026 |
| > | Beleggers | Geoffroy Raskin | +32 53 33 37 30 | [email protected] |
|---|---|---|---|---|
| > | Media | Catherine Weyne | +32 53 33 36 22 | [email protected] |
Ontex is een toonaangevende internationale ontwikkelaar en producent van producten in babyverzorging, dameshygiëne en volwassenenzorg, zowel voor retailers als voor de gezondheidszorg voornamelijk in Europa en Noord-Amerika. Ontex stelt wereldwijd zo'n 5.500 mensen tewerk met fabrieken en kantoren in 12 landen (exclusief Beëindigde Bedrijfsactiviteiten), en de innovatieve producten worden verdeeld in ongeveer 100 landen. Ontex heeft zijn hoofdzetel in Aalst, België, en staat genoteerd op Euronext Brussel, waar het deel uitmaakt van de Bel Mid® index. Om op de hoogte te blijven van het laatste nieuws, ga naar ontex.com of volg Ontex op LinkedIn.
Have a question? We'll get back to you promptly.